diff options
| -rw-r--r-- | .gitattributes | 3 | ||||
| -rw-r--r-- | 15037-8.txt | 1497 | ||||
| -rw-r--r-- | 15037-8.zip | bin | 0 -> 33479 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h.zip | bin | 0 -> 464013 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h/15037-h.htm | 1209 | ||||
| -rw-r--r-- | 15037-h/img/p1886-089.jpg | bin | 0 -> 36570 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h/img/p1886-092.jpg | bin | 0 -> 63101 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h/img/p1886-093.jpg | bin | 0 -> 50569 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h/img/p1886-096.jpg | bin | 0 -> 74656 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h/img/p1886-097.jpg | bin | 0 -> 53013 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h/img/p1886-101.jpg | bin | 0 -> 76236 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h/img/p1886-104.jpg | bin | 0 -> 70610 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 15037-h/style/amazonia.css | 26 | ||||
| -rw-r--r-- | 15037-h/style/arctic.css | 33 | ||||
| -rw-r--r-- | 15037-h/style/borneo.css | 26 | ||||
| -rw-r--r-- | 15037-h/style/gutenberg.css | 387 | ||||
| -rw-r--r-- | 15037-h/style/print.css | 36 | ||||
| -rw-r--r-- | LICENSE.txt | 11 | ||||
| -rw-r--r-- | README.md | 2 |
19 files changed, 3230 insertions, 0 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes new file mode 100644 index 0000000..6833f05 --- /dev/null +++ b/.gitattributes @@ -0,0 +1,3 @@ +* text=auto +*.txt text +*.md text diff --git a/15037-8.txt b/15037-8.txt new file mode 100644 index 0000000..49dc06c --- /dev/null +++ b/15037-8.txt @@ -0,0 +1,1497 @@ +Project Gutenberg's Een Jaar aan Kaap Hoorn, by Door Doctor Hijades + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: Een Jaar aan Kaap Hoorn + From "De Aarde en Haar Volken", Jaargang 1886 + +Author: Door Doctor Hijades + +Release Date: February 14, 2005 [EBook #15037] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK EEN JAAR AAN KAAP HOORN *** + + + + +Produced by Jeroen Hellingman and the PG Distributed Proofreaders Team + + + + + +EEN JAAR AAN KAAP HOORN. + +Door Doctor Hijades. + + + +Op verschillende internationale bijeenkomsten, die het eerst in 1879 te +Hamburg, vervolgens te Bern en te Sint-Petersburg werden gehouden, werd +een programma besproken en vastgesteld voor eene reeks van waarnemingen +en onderzoekingen, die te gelijker tijd, op daartoe aangewezen punten +van de poolstreken zouden geschieden, met het doel om gedurende +een geheel jaar de magnetische en meteorologische verschijnselen +te bestudeeren. Nadat de meeste regeeringen hare goedkeuring aan +dat programma hadden gehecht, werden veertien stations aangewezen, +waarvan twaalf rondom de Noordpool en de IJszee, en slechts twee zoo +dicht mogelijk bij de Zuidpool; en wel een in Nieuw-Zuid-Georgië, +dat van wege Duitschland zou worden bezet, en een aan Kaap Hoorn, +dat aan Frankrijk werd toegewezen. + +De waarnemingen moesten een geheel jaar duren, van 1 September 1882 +tot 1 September 1883. Al deze verschillende missiën hebben de haar +aangewezen taak volbracht; en hoe treurig ook de afloop mocht zijn +van de amerikaansche expeditie onder luitenant Greely, die haar +standplaats had op het fort Conger aan de Lady-Franklinbaai, +en die van de vijf-en-twintig personen er achttien door den +dood verloor,--toch werden alle dokumenten door deze ongelukkigen +opgesteld en bijeengebracht, behouden en ter beschikking gesteld van +de amerikaansche regeering. + +Behalve de speciale studie van de meteorologie en van het +aardmagnetisme, was ook aan iedere missie een zeer uitgebreid programma +voorgeschreven van sterrekundige waarnemingen en van onderzoekingen op +het gebied der natuurlijke historie: zoölogie, botanie, geologie. De +vijf leden van de fransche missie wijdden verscheidene maanden aan +voorbereidende studiën , om zich geheel op de hoogte te stellen van +de taak, die aan ieder meer bijzonder was toevertrouwd. Er moest ook +voor woningen worden gezorgd, en men besloot, te Parijs houten hutten +of barakken te laten maken, volgens een bepaald plan gebouwd, en die +zonder moeite uit elkander genomen en weder opgezet konden worden. + +Een rijksvaartuig, de _Romanche_ onder bevel van den kapitein ter zee +Martial, die tevens met de opperste leiding der expeditie was belast, +moest het personeel en het materieel der missie overbrengen. Gedurende +het jaar, dat de missie aan Kaap Hoorn heeft doorgebracht, hebben de +officieren van de _Romanche_, die voor dezen tocht bepaaldelijk waren +uitgekozen, zich onledig gehouden met het doen van hydrografische +waarnemingen en het in kaart brengen van de eilandengroepen ten zuiden +van Vuurland; bovendien heeft de _Romanche_ van alle door haar bezochte +streken belangrijke collectiën op het gebied der natuurlijke historie +medegebracht, en op haar terugkeer peilingen gedaan. + +Het belang der wetenschap stond bij deze geheele expeditie natuurlijk +op den voorgrond: de romantische en pittoreske zijde der reis moest +noodwendig op den achtergrond treden. Het ligt dan ook niet in mijn +plan, de expeditie bij de vervulling harer taak dag voor dag te +volgen. Maar afgescheiden van zuiver wetenschappelijke kwesties, +waarvan de behandeling niet te dezer plaatse behoort, kwam het +mij voor, dat een beknopt verhaal van de lotgevallen der missie, +sedert haar vertrek uit Frankrijk tot haar terugkomst, ook voor niet +wetenschappelijk gevormde lezers eenig belang kon hebben. Ik zal mij +daarbij hoofdzakelijk bepalen tot ons verblijf onder de Vuurlanders. + +De _Romanche_ vertrok van Cherbourg den zeventienden Juli 1882; den +vijfden September daaraanvolgende, des namiddags ten half vijf, voer +zij de straat van Lemaire binnen; in den namiddag van den volgenden +dag wierp zij het anker uit in de Oranjebaai, aan de oostkust van het +schiereiland Hardy, deel uitmakende van het eiland Hoste, ten zuiden +van Vuurland, op 55° 31' zuiderbreedte en 70° 25' oosterlengte. + + + +I + + +De Oranjebaai, die in April 1830 door Robert Fitz-Roy, en in Februari +1839 door den Amerikaan Wilkes was bezocht en beschreven, scheen +eene geschikte gelegenheid aan te bieden voor de vestiging van onze +missie, en was dan ook als zoodanig aangewezen, tenzij onvoorziene +omstandigheden onze installatie daar ter plaatse onmogelijk mochten +maken: in dat geval moesten wij een geschikter plek opzoeken op het +in de nabijheid gelegen eiland Hermitte. + +Zoodra de _Romanche_ het anker had uitgeworpen, was dan ook ons +eerste werk aan land te gaan, om eene geschikte plaats voor onze +nederzetting op te zoeken. Wij behoefden onze eischen niet hoog te +stellen: een vlak terrein, waarop wij onze barakken konden opslaan; +voorts de nabijheid van eene rivier of althans van drinkbaar water; +eindelijk eene geschikte aanlegplaats voor de sloepen die ons materieel +aan wal moesten brengen en later, bij den terugkeer van de _Romanche_, +onze gemeenschap met het schip moesten verzekeren. De eerste van +deze drie voorwaarden bleek niet voor vervulling vatbaar. Overal waar +zich een vlak terrein bevond, was de grond zoo drassig, dat het zeer +moeilijk viel daarop te loopen; wij moesten dus een hooger terrein +kiezen, waar wij de hutten boven elkander zouden kunnen plaatsen, +hetzij op natuurlijke terrassen, hetzij op kunstmatige platformen +van boomstammen. Wij aarzelden aanvankelijk in de keus tusschen een +landpunt, later Pointe Lephay genoemd, en een kleinen heuvel een weinig +ten noorden van die landpunt. Ten slotte kozen wij dit laatste punt, +vooral van wege de onmiddellijke nabijheid van eene rivier; en in +den vroegen morgen van den achtsten September begonnen de werklieden +der missie, bijgestaan door eene talrijke afdeeling matrozen van de +_Romanche_ het terrein te ontginnen: welke arbeid de volgende dagen +ijverig werd voortgezet. + +Den zes-en-twintigsten September 1882 werden de eerste waarnemingen +gedaan, die gedurende een geheel jaar onafgebroken moesten worden +voortgezet. Eigenlijk hadden zij reeds op den eersten September +moeten beginnen; maar wij waren eerst op den zesden aangekomen, en +de sedert verloopen twintig dagen waren volstrekt noodig geweest voor +onze installatie. Het met dicht kreupelhout en struikgewas begroeide +terrein moest worden gezuiverd en geëffend, waarbij op sommige plaatsen +de rots moest worden afgehakt. Nadat de barakken waren opgeslagen, +moesten de wanden en de zoldering van binnen met een laag vilt, en +de vloer met linoleum worden bekleed, om zoo veel mogelijk de koude +en de vocht af te weren. + +Met de onderzoekingen betreffende de natuurlijke historie was aanstonds +een aanvang gemaakt; evenzoo hadden wij al dadelijk kennis kunnen maken +met de inboorlingen. Reeds den volgenden dag na onze aankomst in de +Oranjebaai waren verschillende prauwen van boomschors naar het schip +gekomen; de inboorlingen vroegen om levensmiddelen en voornamelijk +scheepsbeschuit, en boden in ruil daarvoor eenige produkten hunner +kinderlijke nijverheid aan, zoo als halskettingen van beenderen of +schelpen, beenen punten van harpoenen en dergelijken. Deze Vuurlanders +schenen in het minst niet ongerust of verbaasd over onze verschijning: +veel meer trachtten zij zoo veel beschuit, brood of andere spijzen +te krijgen als maar mogelijk was. Zij vroegen noch om brandewijn, +noch om tabak, waarmede zij waarschijnlijk geheel onbekend waren; +oude kleeren namen zij ook gewillig aan, maar toch was het hun +hoofdzakelijk om eetwaren te doen. + +Het is niet gemakkelijk, met juistheid den eersten indruk weer te +geven, dien de verschijning van deze inboorlingen op ons maakte. Naar +het scheen zonder eenig wantrouwen of vrees te koesteren, kwamen +zij ons bezoeken of liever om voedsel vragen, in hunne kano's van +boomschors, allen, mannen en vrouwen, ouden en jongen, geheel naakt of +hoogstens bekleed met een stuk otter- of zeehondenvel, dat over hunne +schouders was geworpen. Gedurende onzen overtocht hadden wij alles +gelezen wat vroegere zeevaarders, zoo als Weddell, Fitz-Roy, Darwin, +Wilkes, over de bewoners van Vuurland geschreven hadden; wij wisten +dus dat zij, naar de eenstemmige verklaring van al deze schrijvers, +ongeveer op den allerlaagsten trap van menschelijke ontwikkeling +staan. Zoodra wij de Vuurlanders zagen, meenden wij hen dan ook te +kennen, en zochten wij reeds naar de voornaamste karaktertrekken, +door de vroegere onderzoekers aangewezen. Onze verrassing was dus +minder groot dan zij anders geweest zou zijn; vooral verwonderde +het ons dat wij geen woord van hunne taal verstonden, hoewel wij +ijverig de woordenlijst van Fitz-Roy en de taalkundige mededeelingen +van andere schrijvers hadden bestudeerd. Het eenige woord dat wij +verstonden was het woord _beschuit_, dat zij _biskit_ of _biskir_ +uitspraken en dat als in hun mond bestorven lag. Pogingen om uit te +maken met welken stam wij eigenlijk te doen hadden, waren aanvankelijk +ten eenemale vruchteloos. + +Eerst den volgenden dag, nadat wij de inboorlingen bij herhaling in +hunne hutten hadden bezocht en nauwkeurig gelet op een zeker aantal +woorden, die zij telkens gebruikten, kwamen wij tot de zekerheid dat de +aan de Oranjebaai gevestigde stam dezelfde was, waaraan Fitz-Roy den +naam van Tekinika geeft. Onze eerste gesprekken met deze inboorlingen +werden grootelijks vergemakkelijkt omdat een hunner eenige woorden +engelsch verstond en sprak. Hij zeide Jack te heeten, had eene vrouw +en twee kinderen bij zich en had in zooverre iets voor boven zijne +stamgenooten, dat hij een mondvol engelsch verstond; voor het overige +verkeerde hij in even ellendigen toestand als alle anderen. Hij ontving +ons in zijne hut met de grootst mogelijke koelheid; hij antwoordde vrij +vlug op de eerste vragen die wij tot hem richtten, maar bleef weldra +hardnekkig zwijgen, hetzij uit vermoeidheid, hetzij uit wantrouwen, +of om welke reden ook. Over het algemeen was er een merkwaardig +verschil tusschen de manier van doen van deze Vuurlanders, als zij in +hunne prauwen langs de _Romanche_ dobberden, en als wij hen aan land +in hunne hutten bezochten. Op het water schenen zij in hun element; +zij waren dan vroolijk en opgewekt, praatziek en familiaar tot lastig +wordens toe; aan land daarentegen was hunne houding wel niet vijandig, +maar toch teruggetrokken, wantrouwend, gedwongen, als van lieden wien +het hindert door vreemden bespied te worden. Verschillende redenen +kunnen ter verklaring van deze handelwijze der Vuurlanders worden +aangewend. Op zee gevoelen zij zich veiliger; kwam er eene botsing, +dan konden zij zich dadelijk met hunne prauwen uit de voeten maken; +bovendien was bij hunne bezoeken aan de _Romanche_ hun eigenbelang +in het spel en deden zij zich zoo gunstig mogelijk voor, om spijzen +te krijgen, waarnaar zij zoo vurig verlangden. Toen zij zagen dat wij +ons aan land kwamen vestigen, zonder dat zij vermoeden konden wat ons +doel was, was het vrij natuurlijk dat zij zich over onze verschijning +op hun eigen grondgebied ongerust maakten en van onze tegenwoordigheid +niets dan overlast vreesden. Dit zijn echter slechts onderstellingen: +zij hebben hunne gevoelens nooit uitgesproken, en zij bezitten in +hooge mate het vermogen om hunne gewaarwordingen te verbergen en +daarvan niets op hun onbewegelijk gelaat te laten blijken. + +Op Zondag, 1 October 1882, omstreeks vier uren in den namiddag, +liep een amerikaansche schoener de Oranjebaai binnen, en wierp +het anker uit tegenover de missie, naast de _Romanche_. Dit schip, +dat jaarlijks deze zeeën bezoekt om robben te vangen, verschijnt +dan in den regel in de Oranjebaai, om water in te nemen en zich van +brandhout te voorzien. De gezagvoerder had te Punta Arénas, in de +straat van Magelhaens, hooren spreken van de voorgenomen vestiging +eener fransche missie aan de Oranjebaai, en kwam nu de hulp van onzen +geneesheer inroepen voor een zijner matrozen, die ernstig ziek was. + +De schoener heette de _Thomas Hunt_; in vijf dagen had de bemanning, +bij de Diego-Ramirez-eilanden en vooral op het eiland Ildefonso, +ongeveer driehonderd robben gedood; het hoogste cijfer der op een dag +gedoode dieren was ditmaal zeventig geweest. Een paar jaren geleden, +had men op een dag vijfhonderd robben gevangen. De robben worden, +als zij aan land zijn, omsingeld en dan doodgeschoten, somwijlen ook +doodgeslagen; de zeer jonge dieren blijven gespaard, maar alle anderen, +mannetjes en wijfjes zonder onderscheid, gedood. De bemanning van de +_Thomas Hunt_ bestond uit acht-en-twintig koppen, en er waren zeven +geweren aan boord. Men doodt de robben enkel om hun vel; zoodra zij +aan boord zijn gebracht, wordt hun het vel afgestroopt, waarna de +lichamen in zee worden geworpen. De huid wordt, na ingezouten te zijn, +naar Engeland verzonden om daar bewerkt te worden; zij levert eene +bekende en zeer gezochte soort van bont op. + +De gezagvoerder van de _Thomas Hunt_ was nu reeds gedurende zeven +jaren ter robbenvangst gevaren. Hij verklaarde dat die vangst steeds +minder voordeelen opleverde en dat het getal dezer robben snel afnam: +hetgeen inderdaad niet te verwonderen is bij de ruwe, moorddadige +wijze waarop de jagers te werk gaan! Er behoort in waarheid eene +groote mate van avontuurlijken zin en liefhebberij voor het vak toe, +om het beroep van robbenjager te kiezen, dat tegenwoordig maar eene +zeer geringe winst oplevert. Het leven toch dezer robbenvangers +is alles behalve gemakkelijk of aangenaam. Hun voedsel bestaat, +voor het grootste gedeelte, uit het vleesch der pingouins, die +zij dooden of levend vangen; de kapitein van de _Thomas Hunt_, +die zich ook daarmede tevreden moest stellen, verklaarde mij echter +dat dit vleesch zeer goed smaakte. De robbenjagers brengen echter +niet hun geheelen tijd aan boord door. Op hun schip zijn zij aan +tallooze gevaren blootgesteld; maar nog veel erger is hun toestand, +wanneer zij, in het belang van de jacht, op een of ander onbewoond +eilandje moeten achterblijven en daar gedurende weken of maanden op +de terugkomst van hun schip wachten. Blijft dan het schip langer weg +dan waarop gerekend was, dan zijn de achtergeblevenen aan de grootste +ellende ter prooi. De kapitein van de _Thomas Hunt_ had, voor zijne +aankomst in de Oranjebaai, op het eiland Diego-Ramirez acht mannen +gevonden, die door eene amerikaansche goëlet daar waren achtergelaten +om robben te vangen en van levensmiddelen voor drie maanden voorzien, +maar die nu reeds sedert vier maanden op de terugkomst van hun +schip wachtten. Hun voorraad was geheel opgeteerd: zij hadden geen +ander voedsel dan de vogels, die het hun van tijd tot tijd gelukte +te vangen. De _Thomas Hunt_ had deze ongelukkigen opgenomen en hen +naar het Beagle-kanaal, naar Ooshooia, gebracht, waar zij aan de +verzorging van de protestantsche zendelingen waren overgelaten. + +Weldra zouden wij zelven met deze zendelingen in aanraking komen: +tot onze groote verwondering zouden wij in dit wilde, onherbergzame +land, aan den uitersten uithoek der wereld, beschaafde mannen vinden, +sedert lange jaren hier gevestigd. + + + +II + + +In den morgen van den elfden November 1882 wierp eene goëlet, die de +engelsche vlag voerde, het anker uit tegenover onze hutten. Onze eerste +gedachte was, dat wij ook nu weder te doen hadden met een robbenjager, +die hetzij uit nieuwsgierigheid, hetzij om onze hulp in te roepen, ons +een bezoek kwam brengen. Deze onderstelling bleek evenwel onjuist: eene +van het schip afgezonden sloep naderde snel onze kleine aanlegplaats: +zij bevatte twee passagiers, waarvan de een de gezagvoerder van het +schip moest zijn, terwijl de ander geheel het voorkomen had van een +engelsch geestelijke. Eenige minuten later zetten die heeren voet +aan wal, en stelden zich zelven voor: de een was kapitein Willis, +gezagvoerder van de goëlet _Allan Gardiner_, in dienst van den +protestantschen zendingspost in Vuurland; de ander was de directeur +(superintendent) van dien post, de reverend Thomas Bridges. + +Voor ons vertrek uit Frankrijk droegen wij kennis van het bestaan dezer +missie: de post is aangewezen op de kaarten van het zuidelijk deel +van Vuurland; wij wisten dat wij in geval van nood daar hulp konden +gaan vragen, en dat de zetel der missie te Ooshooia of Ouchouaya was, +ongeveer honderd kilometers ten noorden van de Oranjebaai. Daartoe +bepaalde zich onze kennis van dezen zendingspost. + +De heer Bridges deelde ons dadelijk het doel van zijne komst mede. Van +den kapitein van de _Thomas Hunt_ vernomen hebbende, dat zich aan de +Oranjebaai eene fransche wetenschappelijke missie bevond, waaraan ook +een geneesheer verbonden was, kwam hij ons verzoeken, te Ouchouaya +een onderzoek in te stellen naar eene hevige epidemische ziekte, +die sedert het begin van het jaar onder de protestantsche missie +woedde. Een aantal Vuurlanders waren door die moorddadige epidemie +aangetast, en al de aangetasten waren na verloop van hoogstens vijf +of zes weken bezweken; de inlanders waren als door een panischen +schrik bevangen, en het engelsche personeel van de missie begon +evenzeer te vreezen voor de besmetting eener ziekte, waartegen geen +geneesmiddelen iets hadden gebaat. Men moet evenwel niet vergeten, dat +eigenlijke geneeskundige hulp te Ouchouaya niet kon worden verleend, +want in de omstreeks vijftien jaren dat de kleine engelsche kolonie +daar gevestigd was, had zij nog nooit een dokter gezien. + +Het spreekt van zelf dat het verzoek van den heer Bridges onmiddellijk +werd ingewilligd; bij gemis van nauwkeurige inlichtingen omtrent den +aard en den gang der epidemische ziekte die onder de Vuurlanders in +zijne omgeving woedde, was het volstrekt noodig, de patiënten zelven +te zien; bovendien waren er onder de gezinnen der zendelingen velen +lijdende, die zeer gaarne een geneesheer zouden raadplegen. Dien +eigen avond vertrok ik met den heer Bridges aan boord van de _Allan +Gardiner_. Het was een heerlijk schoone avond, toen wij koers zetten +naar het noorden; den volgenden dag was het weer niet minder mooi, +maar daar de wind in den namiddag geheel ging liggen, moest de goëlet +overnachten in een kleinen inham, nabij het Beagle-kanaal, niet ver +van den engelschen zendingspost. Den dertienden November verlieten +wij des morgens ten negen uren onze ankerplaats, en kwamen twee uren +later te Ouchouaya. + +Op het eerste gezicht maken zij een treurigen, weemoedigen indruk, +die weinige engelsche huizen, waarvan al de materialen uit Europa zijn +aangevoerd, daar als neergeworpen in die doodsche sombere wildernis, +aan dien verloren uithoek der wereld; die eenvoudige huizen, +ten verblijve strekkende aan de gezinnen der zendelingen, waarvan +velen kleine kinderen hebben, die nooit een ander vaderland hebben +gekend. En die indruk wordt er niet beter op als men aan land gaat +en de inboorlingen ziet, natuurlijk minder wild dan in de omstreken +van Kaap Hoorn, behoorlijk gekleed, eigenaars van betrekkelijk goed +ingerichte hutten, somtijds zelfs van netjes onderhouden tuinen; +maar desniettemin volstrekt niet gelukkiger dan de naakt loopende +Vuurlanders, die in volle vrijheid met hunne prauwen op de zee +rondzwerven om hun dagelijksch brood op te sporen. Men zou hier +inderdaad belangrijke vergelijkende studiën kunnen maken over de +gevolgen van deze proeven van beschaving op volksstammen in volkomen +staat van wildheid levende. Is zulk een overgang inderdaad voor hen +eene weldaad? De vraag mag worden gedaan, zonder iets af te dingen op +den lof en de bewondering, die het streven verdient van de engelsche +missie, wier geschiedenis ik hier kortelijk zal mededeelen. + +In 1850 besloot Allan Gardiner, kapitein bij de koninklijke engelsche +marine, naar Vuurland te gaan om te onderzoeken wat er geworden +was van de inlanders, die in 1832 door Fitz-Roy naar Engeland +waren overgebracht en twee jaar later weer naar hun vaderland +teruggevoerd. Gardiner meende, dat het onvergefelijk zou zijn, zich +verder niet met deze wilden te bemoeien, en de kiemen van beschaving +en christelijk geloof, door de Vuurlanders van Fitz-Roy onder hunne +stamgenoten overgebracht, te laten versterven. In 1850 vertrok hij +uit Engeland, met den heer Williams, geneesheer-zendeling, den heer +Maidment, architekt, en vier visschers van Cornwallis. In Vuurland +aangekomen, verlieten zij hun schip, en gingen over in kano's, +waarmede zij naar eene baai op het eiland Navarin wilden varen, +waar zij onderstelden dat een der Vuurlanders van Fitz-Roy, die dus +engelsch verstond, woonde. Op dien tocht landden zij aan eene vlakte, +waar de inlanders hen zoo vijandig ontvingen en eene zoo dreigende +houding aannamen, dat zij genoodzaakt waren, zich spoedig weder in +te schepen. Een hevige storm veroorzaakte daarop groote schade aan +hunne kano's, waarvan een zelfs geheel verloren ging. Van hunne +vaartuigen beroofd, namen zij nu de wijk in een verlaten kreek, +ten zuiden van Vuurland, waar zij, blootgesteld aan de hevige koude +en met een geringen voorraad van mondbehoeften, van week tot week +uitzagen of niet een voorbijvarend schip hen redden zou. Naarmate +de voorraad slonk, werden zij ziek en stierven allen, een voor een, +den verschrikkelijksten hongerdood. Eenigen tijd daarna vond men hun +dagboek, waarin men het eenvoudig, hartroerend verhaal van hun lang +martelaarschap kon lezen tot op den laatsten levensdag van den laatst +overgeblevene, kapitein Gardiner. + +In 1854 werd de _Allan Gardiner,_ in Engeland voor rekening van het +Genootschap voor de zending in Zuid-Amerika gebouwd, naar Vuurland +gezonden. Men koos een van de Falklandseilanden, het eiland Keppel, +om daar een post te vestigen, waarheen men de Vuurlanders, die geneigd +schenen het Christendom aan te nemen, zou overbrengen om verder hunne +opvoeding te voltooien. In 1858 werden, onder leiding van den heer +Pakenham Despard, de eerste Vuurlanders naar die missie gebracht: +het waren Jemmy Button, een van de Vuurlanders van Fitz-Roy, met +zijne familie; voorts drie volwassen paren en twee jonge knapen. + +Meenende nu het vertrouwen van de Vuurlanders gewonnen te hebben, +achtten de zendelingen in 1859 het oogenblik gekomen om zich in +het land zelf dier wilden te gaan vestigen. Onder leiding van den +heer Philips en van kapitein Fell van de _Allan Gardiner,_ begaven +zij zich dus naar Woollya, op de kust van het eiland Navarin, waar +zij aanvankelijk goed werden ontvangen. Maar eenige dagen later, op +Zondag, 6 November 1859, terwijl zij godsdienstoefening hielden in +eene tot kapel ingerichte hut, werden zij door de inlanders overvallen +en allen vermoord. Deze ramp verdoofde evenwel den moed niet van +de zendelingen, die op het eiland Keppel waren achtergebleven. Een +vaartuig, uitgezonden om te ontdekken wat er van hunne ongelukkige +broeders geworden was, keerde terug met den jongen Vuurlander Okokko, +die geen deel aan den moord had genomen, maar ook niet bij machte was +geweest om dien te verhinderen. Hij was vergezeld van zijne vrouw, +en van hem leerden de overgebleven zendelingen de vuurlandsche +taal, waarin met name de heer Bridges, de tegenwoordige directeur +der missie, die zich in 1802 op het eiland Keppel bevond, snelle +vorderingen maakte. + +In 1863 keerde de _Allan Gardiner_, die naar Engeland was geweest om +gekalefaterd te worden, naar het eiland Keppel terug met den reverend +Stirling; aanstonds werden nu op nieuw betrekkingen aangeknoopt met +de bewoners van Vuurland zelf. Deze wilden waren ten hoogste verbaasd +toen zij bespeurden dat de blanken er niet aan dachten, wraak te +nemen over den voor weinige jaren gepleegden moord aan de zendelingen, +wier lijken werden teruggevonden en den 11_den_ Maart 1864, met groote +plechtigheid te Woollya begraven. Sedert dien tijd bracht men naar de +Falklandseilanden een vijftigtal Vuurlanders, bij groepen van acht of +tien te gelijk; zij ontvingen daar eenig onderricht, waarna zij naar +hun land terugkeerden en hunne oude zwervende levenswijze hervatten. + +In 1865 nam de heer Stirling vier jonge Vuurlanders, van dertien +tot achttien jaren, mede naar Europa. Zij bleven zestien maanden +in Engeland, waar zij zich onderscheidden door hun goed en ordelijk +gedrag, door hunne scherpzinnigheid en vlugheid van begrip. Een van +hen stierf op de terugreis, den tweeden April 1867, na eene langdurige +ziekte: een ander overleed kort daarna den 24_sten_ Juni; een derde +eindelijk bezweek in Maart 1874. + +In 1868 werd een klein station gevestigd te Liwaya, op het +eiland Navarin, op den zuidelijken oever van het Beagle-kanaal, +en in Januari van het volgende jaar vestigde de heer Stirling zich +geheel alleen te Ooshooia, op den noordelijken oever van het kanaal, +tegenover Liwya. Er was daar eene goede ankerplaats, bosch, water in +overvloed, en een grond geschikt voor akkerbouw en veeteelt.--In het +begin van 1870 vestigde de reverend Th. Bridges. die een groot deel +van zijn leven onder de Vuurlanders op Keppel had doorgebracht en +die tot superintendent der missie was benoemd, zich te Ooshooia, met +twee bekeerlingen, waarvan de een een bekwaam timmerman en de ander +landbouwer was. Hoezeer men met de werkzaamheden zoo veel mogelijk +spoed maakte, verliepen er toch twee jaren eer het etablissement te +Ooshooia gereed was. + +Wie tegenwoordig te Ouchouaya komt, ziet daar een soort van dorp, met +een zeker aantal huizen in plaats van hutten, eene kerk, eene school +en een weeshuis. De heer Bridges heeft eene vuurlandsche grammaire +vervaardigd en een zeer uitgebreide woordenlijst saamgesteld. Hij +heeft ook het Evangelie van Lucas in de taal der inlanders overgezet; +deze vertaling is, in vijfhonderd exemplaren, te Londen gedrukt. Den +13_den_ Augustus 1881 waren daarvan aan de inboorlingen te Ouchouaya +twee-en-twintig exemplaren verkocht, tegen een franc vijf-en-twintig +centimes per stuk. Ook ontvangen de kweekelingen der missie zooveel +mogelijk onderricht in het engelsch. + +De Vuurlanders van Ouchouaya hebben geleerd, hunne akkers en +tuinen te omheinen, planken te zagen, hutten te bouwen, wegen aan +te leggen. Men heeft runderen en geiten in hun land ingevoerd; +zij gaan op europeesche wijze gekleed; in het weeshuis ontvangen +vijf-en-twintig ouderlooze kinderen verpleging en onderwijs. De +zendelingen, die geene andere macht hebben dan hunne zedelijke +meerderheid, zijn de eenige wetgevers, en bijna altijd onderwerpen de +inboorlingen zich aan hunne uitspraken. Ouchouaya wordt langzamerhand +een middelpunt, van waar de invloed der zendelingen zich naar alle +kanten uitbreidt; het is reeds voorgekomen, dat inboorlingen, aan +de zendelingen persoonlijk geheel onbekend, hulp en bijstand hebben +verleend aan schipbreukelingen, geheel in strijd met de voorvaderlijke +overleveringen en gebruiken. In 1882 bedroeg het getal Vuurlanders +te Ouchouaya omstreeks honderd-vijftig. + +Meermalen is de vraag bij mij opgerezen: welke toekomst is voor deze +missie weggelegd? Ondanks de onvermoeide en volhardende pogingen +der zendelingen gedurende vijftien jaren, heeft nog maar eene zeer +kleine minderheid van de inlanders de oude levenswijze laten varen, +de godsdienst en de gebruiken der beschaafden, voor zoover het gaat, +aangenomen en zich te Ouchouaya gevestigd. De anderen--dat wil +zeggen do overgroote meerderheid--komen wel soms enkele dagen te +Ouchouaya doorbrengen, maar zij blijven er niet. Zij geven verreweg +de voorkeur aan het vrije, ongebonden, zwervende leven, gaande en +trekkende naar het hun lust; ondanks de vele ontberingen en den +honger, waaraan zij bloot staan, verkiezen zij deze onafhankelijke +levenswijze boven het bestaan van hunne stamgenooten te Ouchouaya, die +huizen en akkers en tuinen bezitten, veel minder ontberingen kennen +en tamelijk wel tegen honger gewaarborgd zijn, maar die daarentegen +ook al de zorgen en beslommeringen ondervinden van het beschaafde +leven en bovenal dag aan dag geregeld moeten arbeiden. Dit laatste +is voor den wilde--en niet enkel voor den Vuurlander--een schier +onoverkomelijk bezwaar. Daar de zorg voor den dag van morgen hem +vreemd is, kan hij in den arbeid niets anders zien dan eene doellooze, +ondragelijke slavernij, waaraan hij zich tot iederen prijs poogt te +onttrekken. Het is volstrekt niets ongewoons, dat een inlander, die +een of twee jaren te Ouchouaya heeft doorgebracht en door goed gedrag +en ijverigen arbeid reeds een eigen woning en een akker verkregen, +op een goeden morgen eensklaps verdwijnt, met achterlating van alles, +om tot zijne vroegere levenswijze terug te keeren. Zal het gelukken, +die diep ingewortelde neiging te overwinnen en de onrustige nomaden +aan vaste woonplaatsen en geregelden arbeid te gewennen? Nog meer: +zal ook hier de plotselinge, geheel onvoorbereide overgang van den +laagsten trap der barbaarschheid tot de vormen en uiterlijke gewoonten +en gebruiken eener hoog ontwikkelde beschaving geen verderfelijken +invloed uitoefenen op de inlanders zelven, en zal men hen niet, +als zoo vele stammen in Noord-Amerika en op de Zuidzee-eilanden, +zien wegkwijnen en uitsterven? Reeds nu is de sterfte te Ouchouaya +veel grooter dan elders. + + + +III + + +Met groote spanning werd, ook aan de Oranjebaai, de zesde December +tegemoet gezien. Dien dag zou de overgang plaats hebben van de planeet +Venus langs de zonneschijf; en om dit verschijnsel goed waar te +nemen, waren onder anderen uit Frankrijk, acht speciale missiën naar +Amerika vertrokken. Uit een astronomisch oogpunt was de zuidelijke +punt van den archipel van Kaap Hoorn zeker de meest geschikte plaats +voor waarneming; maar men had dat punt niet durven opnemen onder de +aanvankelijk uitgekozen stations, uithoofde van de zeer geringe kans +op goed weer in de maand December. Om echter van de gelegenheid, +indien zij zich toch mocht aanbieden, gebruik te kunnen maken, +was de missie naar Kaap Hoorn voorzien van de noodige instrumenten, +voor het gadeslaan van den overgang der planeet. + +De zesde December was een regenachtige dag, en reeds des morgens +hield men het voor onmogelijk, het verschijnsel van den overgang van +Venus waar te nemen. Toch was op het bepaalde uur ieder op zijn post, +bereid om de hem aangewezen taak te vervullen; en zie--op het juiste +oogenblik helderde de hemel op en vertoonde zich de zon. De operatie +gelukte zoo goed mogelijk, en er was dien dag feest in onzen kring. + +Wij waren toen in het langst van de dagen, in het midden van den zomer +van het zuidelijk halfrond. Maar aan Kaap Hoorn is er eigenlijk geen +zomer, of althans geen warm jaargetijde. In December 1882, een der +minst koude maanden van het jaar, was de temperatuur gemiddeld +7° 9; +in Juni, dat wil zeggen in de koudste maand, daalde de thermometer +niet beneden -2° 2. Hieruit blijkt, dat het grootste verschil van +temperatuur niet meer dan even vijf graden bedraagt. Voornamelijk +hieraan zal wel het mislukken van onze proeven van groenten-kultuur +zijn toe te schrijven, waartoe trouwens ook de gesteldheid van +den grond niet medewerkte. De bodem bestond toch hoofdzakelijk uit +moeras of veen; en waar een dunne laag teelaarde gevonden werd, was de +grond zoo doorwoeld met wortels, dat eene ontginning groote bezwaren +opleverde: nog daargelaten dat ook deze terreinen zoo vochtig waren, +dat wij diepe slooten moesten graven om het water af te voeren. Toch +zochten wij in een naburig boschje een terrein van beperkten omvang +uit, om daarop eene proef te nemen. Na den grond van wortels te +hebben gezuiverd en om het terrein in het vierkant greppels te hebben +gegraven, zaaiden wij daarop verschillende groenten: boonen, erwten, +kool, salade, radijs, peterselie enz., maar geen van deze groenten +bracht het tot rijpheid. + +Toch verbouwt de honderd mijlen meer noordelijk gelegen engelsche +missie, voor hare eigen behoefte, met vrij goeden uitslag, +aardappelen, kool en wortelen, en hebben de inlanders vrij uitgestrekte +moestuinen. Maar dit resultaat is niet verkregen dan ten koste van +ontzaglijken arbeid voor de ontginning en de drooglegging van het +terrein; daarenboven is de grond langs het Beagle-kanaal veel beter +voor bebouwing geschikt dan aan de Oranjebaai. + +Was de zomer niet gunstig voor onze kweekerij en bracht dit jaargetijde +al haast evenveel dagen van regen, sneeuw en hagel als de winter, +zoo droeg toch de lengte der dagen, de bloeitijd der planten, de +betrekkelijke gemakkelijkheid van tochtjes en uitstapjes er toe bij, +om ons de zomermaanden te doen waardeeren. In dezen tijd des jaars, +gedurende de langste dagen, kwam de zon ten twee uren na middernacht +op, en ging eerst ten tien uren 's avonds onder; en de korte tijd +tusschen zons onder- en opgang was veeleer eene lange schemering dan +een eigenlijke nacht. + +Men kan zich moeilijk voorstellen, met hoeveel bezwaren het maken +van uitstapjes en zelfs van eenvoudige wandelingen, in den omtrek +van de Oranjebaai gepaard gaat. Nergens is een spoor van een weg of +zelfs maar van een pad te ontdekken. Langs het strand is het eene +opeenstapeling van rotsblokken en groote steenklompen, waartegen +men met behulp van handen en voeten moet opklauteren, of waarlangs +men zich moet laten afglijden. In het binnenland moet men zich al +kruipend een weg banen door oerwouden in miniatuur, waar men elk +oogenblik neerploft in uitgeholde, verrotte boomstammen, die met hun +bekleedsel van mos en woekerplanten schijnbaar eene vaste oppervlakte +vormen, maar bezwijken zoodra men er den voet op zet. Dan weer moet ge +door poelen en moerassen waden of over dicht ineengestrengeld doornig +kreupelhout loopen dat als een harnas den bodem bedekt. Geen wonder +dan ook, dat wij onze meeste tochtjes te water maakten. Moesten wij +echter het binnenland bezoeken of een berg beklimmen, dan schoot er +niets anders over dan te voet te gaan, vergezeld van eenige matrozen, +die de noodige levensmiddelen droegen, want op de Vuurlanders viel +niet te rekenen: in den zomer na onze komst, die het meest geschikte +seizoen was voor uitstapjes, waren wij nog niet met de inlanders op +genoegzaam vertrouwelijken voet. + +Een van onze belangrijkste voetreizen was die naar de Bourchierbaai, +op de westkust van het schiereiland Hardy, alzoo aan den zoom van +den Stillen-oceaan. + +Den 25_sten_ Januari 1883, des morgens omstreeks vijf uren, vertrokken +wij met prachtig weer, van de missie: wij waren met ons vijven, +waaronder twee dragers, en richtten ons in rechte lijn naar het +westen. Na eene korte halt halfweg, te midden van een bekoorlijk +berkenboschje, kwamen wij ten elf uren aan de baai Bourchier. Wij +hadden slechts tweehonderd el behoeven te stijgen, en de tocht had +zich door geen enkel incident gekenmerkt. Toen wij naar het ruime, +fraaie strand afdaalden, vonden wij stukken hout, half in het zand +begraven en blijkbaar sedert lang aan weer en wind blootgesteld; bij +nader bezien, bleken het overblijfselen van een schip, dat op deze +onherbergzame kust was vergaan. En deze ontdekking was niet de eenige +van dien aard: dikwijls genoeg vonden wij wrakhout langs het strand, +als ten spot van den naam, dien de Oceaan hier draagt. + +Deze weemoedige tropeeën der verdelging pasten overigens volkomen +bij het woeste en toch grootsche voorkomen van dit onherbergzaam +strand. Hier zoekt men te vergeefs naar sporen van menschelijke +woningen: niets dan eene grillig gevormde kust, omzoomd door steile +heuvelen met berken begroeid, die naarmate zij hooger groeiden, +door den fellen wind meer naar het westen waren overgebogen; voorts +bochtige, smalle kreeken, ingesloten tusschen hooge, loodrechte +rotswanden, langs wier voet de golven klotsten en brandden: in een +woord een grootsch, aangrijpend, wild landschap. + +Wij besteedden den ganschen dag met het onderzoek van het terrein, +van de geologische gesteldheid en formatie der rotsen en der vele +kleine inhammen, die als het ware eene voortzetting van de baai en +voor vaartuigen ontoegankelijk zijn. In een dezer kreeken vonden wij +overblijfselen van een schip dat, voor zoo ver wij konden nagaan, eerst +voor korten tijd hier schipbreuk had geleden: eene bijna ongeschonden +ton, eene groote hoeveelheid rotting; in eene andere ontdekten wij +een groot stuk hout, dat met beeld- en snijwerk was versierd, en +blijkbaar tot den spiegel van een of ander schip had behoord. + +Het was natuurlijk niet mogelijk, bij dezen en bij dergelijke tochten +kampementsartikelen mede te nemen, waaraan wij anders wel behoefte +hadden, voornamelijk aan eene tent, waarin wij konden overnachten. Wij +trachtten nu in een klein boschje, op een der heuvelen langs de baai, +eene hut te bouwen op de manier der inlanders. Men behoeft daartoe +slechts eenige boomstammen af te kappen, die met het dikste einde +in den grond te steken en met de punten naar elkander te buigen, +zoodat aan den top van deze soort van loofhut eene kleine opening +gelaten wordt. De inlanders zorgen steeds dat het vuur in hunne hutten +brandende wordt gehouden; wij hadden ook gaarne vuur aangemaakt, maar +wij zouden door den rook zijn gestikt; wij richtten dus naast onze +hut een kleinen brandstapel op, die rook in overvloed gaf, maar geen +warmte. Wij ondervonden hier op nieuw, hoe onbeholpen de beschaafde +mensch is, als hij over geene andere hulpmiddelen kan beschikken dan +die de natuur hem aanbiedt; de wilde weet zich daar vrij wat beter +van te bedienen en overwint zonder eenige moeite allerlei bezwaren, +waarvoor de wetenschappelijk ontwikkelde, fijn beschaafde blanke +radeloos blijft staan. + +Onze nacht was verre van aangenaam, maar duurde gelukkig kort: +om drie uren was het klaar dag en daalden wij naar het strand af, +waar wij verder den morgen doorbrachten. Na in eene kleine vallei +tusschen de zandduinen te hebben ontbeten, aanvaardden wij omstreeks +één uur de terugreis, nog steeds begunstigd door het heerlijkste weder; +de warmte hinderde ons zelfs bij het beklimmen der heuvelen. + +Het spreekt van zelf dat ik geen verslag kan geven van al onze tochtjes +te land en te water in den omtrek van de Oranjebaai; slechts van een +enkel watertochtje zal ik nog even spreken, om een denkbeeld te geven +van dergelijke uitstapjes. + +In den vroegen morgen van zaterdag, den derden Februari 1883, +vertrokken twee leden van de missie, met den praeparator van het +Museum, vier matrozen en een Vuurlander, Jonathan genaamd, die een +weinig engelsch sprak, in eene sloep van de Oranjebaai. Wij zetten +koers naar het noorden: ons doel was, zoo nauwkeurig mogelijk de +oevers op te nemen van de Packsaddle-baai, de Tekinika-Sound en de +Ponsonby-Sound. Wij hadden voor drie à vier dagen levensmiddelen bij +ons; onze Vuurlander moest ons de noodige inlichtingen geven en ons +als tolk dienen in het zeer waarschijnlijke geval dat wij inlanders +zouden ontmoeten, die wij niet kenden. + +Het weer was prachtig: er was geen wolkje aan den hemel te zien, en +de zee was zoo glad als een spiegel. Omstreeks elf uur hielden wij +stil om ons ontbijt te gebruiken op een klein steenachtig strand, in +de Packsaddle-baai, tegenover het eiland van denzelfden naam. Even na +den middag gingen wij weer aan boord en voeren langs de Tekinika-Sound, +waarna wij herhaaldelijk aan land gingen om de rotsen te onderzoeken en +fragmenten van den steen mede te nemen. Tegen den avond bereikten wij +den ingang van Ponsonby-Sound, waar wij de sloep op den oever haalden +en op het strand overnachtten, aan den voet van boschrijke heuvelen. + +Den volgenden morgen ten zes uur werd de sloep weer in zee gelaten +en voeren wij verder noordwaarts. Kort daarna, langs een eilandje +varende, waar wij tusschen de rotsen verscheidene inlanders meenden +te bespeuren, ontmoetten wij eene prauw vol Vuurlanders, die aanstonds +onze aandacht trokken. Een hunner, een man van omstreeks veertig jaar, +had zijn gezicht geheel zwart gemaakt; de anderen hadden ook zwarte +strepen op hun gelaat, en allen hadden boven op het hoofd eene soort +van tonsuur, waar het haar zeer kort was afgeknipt. Door tusschenkomst +van Jonathan vroegen wij inlichting aan den man met het zwarte gezicht; +en deze, Oufhtaradeka genoemd, deelde ons mede, dat allen in den +rouw waren over zijne vrouw, die weinige dagen geleden gestorven +was. Op mijn verzoek verklaarde de weduwnaar zich aanstonds bereid, +mij naar het graf zijner vrouw te geleiden. Hij stapte mitsdien over +in onze sloep, en bracht ons naar een klein eilandje in de nabijheid. + +Het graf bevond zich nabij eene oude, onbewoonde hut, waarachter men +tusschen de struiken het spoor van een pad zag. Op een hoogte van +omstreeks zes el zag men een soort van kuil, omstreeks twee el lang +en breed en twintig duim diep. De bodem bestond hier uit gruis van +schelpen; de randen van den kuil waren geheel begroeid. Oufhtaradeka +wees ons de plek waar zijne vrouw begraven lag. De bovenste laag +schelpen werd weggeruimd; daaronder vonden wij eenige groene +berkentakken, en vervolgens een soort van afdak van boomstronken +en schors, waaronder het lijk lag, dat geheel gewikkeld was in oude +kleeren, vermoedelijk van matrozen afkomstig, en die met een riem van +robbevel om het lichaam waren vastgemaakt. De weduwnaar maakte dien +riem los, en wij zagen nu het geheel naakte lijk eener jonge vrouw, +die met de voeten naar het noorden lag en geen andere versierselen +droeg dan een ring van robbevel om de enkels. + +Juist toen ik mij gereed maakte eene fotografie van deze plek te nemen, +verschenen drie prauwen met Vuurlanders, waaronder zich een zekere +Athlinata bevond, van wien Jonathan bij herhaling gesproken had, +als van iemand die een zeer grooten invloed uitoefende en die zijn +persoonlijke vijand was. Naar Jonathan verzekerde, was Athlinata--een +prachtexemplaar van een wilde, die tegenover ons eene bijna uitdagende +houding aannam,--ook jegens de missie aan de Oranjebaai zeer vijandig +gezind. Wij oordeelden het voorzichtiger van de voorgenomen fotografie +af te zien, en scheepten ons weder in. + +Tegenwind verhinderde ons verder noordwaarts te stevenen; ook maakten +wij ons ongerust over de verhalen van Jonathan, die beweerde dat +Athlinata van onze afwezigheid wilde gebruik maken om de missie +aan te vallen. Wij besloten daarom terug te keeren, en brachten den +nacht door in een der baaien van Ponsonby-Sound, op een verrukkelijk +schoon strand, door bosschen omzoomd en bezet met eenige lichte, van +boomtakken opgeslagen hutten. Den volgenden morgen voeren wij naar +het eiland Packsaddle, waar wij te vergeefs naar robben uitzagen, +die, toch zooals Jonathan verzekerde, hier zeer talrijk waren. + +Na aan den ingang van de Tekinika-Sound te hebben overnacht, kwamen +wij den volgenden morgen omstreeks acht uur aan de missie terug. De +praatjes van Jonathan bleken ongegrond: onze achtergelaten landgenooten +waren door niemand aangevallen of verontrust geworden. + + + +VI + + +Ik acht het oogenblik gekomen om mijn lezers meer nauwkeurig bekend +te maken met de inlanders, van wie ik tot hiertoe slechts in het +voorbijgaan gesproken heb, en omtrent wie wij tot dusver niet dan +onvolledige en onnauwkeurige berichten ontvingen. Wij hebben deze +menschen zoo nauwkeurig mogelijk en geheel onbevooroordeeld bestudeerd, +en ons best gedaan om zoo veel in ons vermogen was, ons te hoeden +voor verkeerde oordeelvellingen en vergissingen, waaraan men bij de +waarneming der zeden en gewoonten van een geheel wilden volksstam +zoo licht blootstaat. Wat wij te zeggen hebben betreft uitsluitend +de levenswijze der Vuurlanders: anthropologische en ethnografische +kwesties blijven buiten bespreking. Wij zullen ons dus ook niet +verdiepen in de vraag, van waar deze eilanders afkomstig zijn, en +of zij inderdaad, zoo als men gezegd heeft, zijn te beschouwen als +de verbasterde overblijfselen van een amerikaansch volk, dat door +overmachtige vijanden verdreven en naar dezen uithoek der wereld +terug gedrongen zou zijn. + +Onder den naam van Vuurlanders verstaan wij thans alleen de bevolking +van den archipel van Kaap Hoorn. Het is duidelijk, dat de twee andere +stammen, die de landen in den omtrek van de Straat van Magelhaens +bewonen, de Alakalouf op de westkust, en de Ona in het eigenlijke +Vuurland, evenzeer aanspraak op den naam van Vuurlanders hebben; maar +daar wij met deze stammen niet in aanraking zijn geweest, kunnen wij +ook niet van hen spreken. + +De Vuurlander van de Oranjebaai en de omstreken van Kaap Hoorn woont +van alle ons bekende menschenrassen, het dichtst bij de zuidpool, +al is hij daarvan nog door eene wijde zee gescheiden. Hij behoort tot +den stam der Tekinika, volgens Fitz-Roy, of der Yaghane, volgens de +tegenwoordige engelsche zendelingen. Al wat de eerste reizigers, die +hen voor ruim anderhalve eeuw bezochten, van de inlanders verhalen, is +nog volkomen waar. Alleen zijn die berichten onvolledig, en verdiepen +de schrijvers zich vaak in gissingen, verklaringen en theorieën, +waarvan de onhoudbaarheid thans algemeen erkend wordt. + +De Vuurlander van Kaap Hoorn heeft niet, als de bewoner der +noordelijke streken, weten gebruik te maken van hetgeen zijn land +hem kon aanbieden om zijn leven te veraangenamen. Hij heeft noch +kleeding, noch huis, noch voorraad. De robbehuid of de mantel van aan +elkaar gehechte kleine ottervellen, die hij over de schouders werpt +om zich eenigermate tegen de kou te dekken, kan kwalijk den naam van +kleedingstuk dragen. De loofhut, die hij binnen een paar uren aan den +oever opricht, om daarin naast het vuur neergehurkt, te overnachten, +heeft niets gemeens met een huis, hoe eenvoudig ook. Hij leeft weken +lang van het vleesch van walvisschen of robben, maar denkt er niet +aan om het te bewaren of er een voorraad van te verzamelen. Daar deze +levenswijze dubbel vreemd schijnt in een koud land, waar de gemiddelde +temperatuur niet hooger is dan 5° (7° 17 in den zomeren 3° 56 in den +winter), is eene nadere toelichting niet overbodig. + +Kleeding, in den gewonen zin van dat woord, kent, zoo als ik zeide, +de Vuurlander niet. De vrouwen alleen dragen iets, dat men een +kleedingstuk zou kunnen noemen, namelijk een driekant lapje van +ottervel, zoo groot als een hand, dat aan een dunnen riem tusschen +de dijen hangt, en dat zij nooit afleggen. Ik moet evenwel hierbij +voegen, dat het besef van kuische schaamte hun niet vreemd is, vooral +niet aan de vrouwen, zoo als ik meermalen in de gelegenheid was op +te merken. De jonge meisjes maken met een soort van wit krijt strepen +op haar gelaat: dat is haar eenige koketterie. + +De Vuurlanders bewonen nooit dan zeer tijdelijk dezelfde hut: het is +dus niet vreemd, dat zij niet veel arbeid besteden aan een verblijf +dat zij na weinige dagen, misschien zelfs reeds den volgenden morgen, +weer zullen verlaten. Eenige zware takken of boomstammen, zoo in den +grond gestoken dat zij elkander van boven raken; enkele handen vol +bladeren om de opengebleven gaten zoo goed mogelijk dicht te stoppen: +ziedaar de bouwstoffen voor eene vuurlandsche hut. De grond daarbinnen +wordt haastig plat getrapt, om daarop het vuur over te brengen en te +onderhouden, dat in de prauw brandde: en de woning is gereed. Somwijlen +hebben wij grooter en beter tegen den regen gedekte hutten gezien, maar +de constructie is altijd dezelfde. Daarentegen zijn er ook familiën, +voor wie zelfs zulk eene hut nog te veel is, en die zich eenvoudig +aan den voet van eene rots legeren, rondom een vuur, dat de wind en +de regen telkens dreigen uit te blusschen. Bedden, in welken vorm ook, +zijn ten eenemale onbekend: de Vuurlander slaapt op den blooten grond, +hoogstens met wat gras of bladeren bedekt. + +Niet minder onbekend is hem de zorg voor de naaste toekomst. Hij leeft +letterlijk van den eenen dag op den anderen, van hetgeen de jacht of +de vischvangst hem oplevert. Hij heeft ook geene andere bezigheid dan +deze: als hij niet jaagt of vischt, zijne prauw timmert of herstelt, +of hout hakt voor zijn vuur, dan slaapt hij. Natuurlijk zal men vragen, +hoe zij het dan aanleggen, als zij, hetzij van wege het jaargetijde, +hetzij door ziekte, niet kunnen jagen of visschen, en ook geen +schelpen opzoeken, en zij niet het voorrecht hebben gehad, om langs +het strand een dooden rob of een gestranden walvisch te vinden? En +het is niet tegen te spreken, dat in den winter, wanneer het soms +dagen lang achtereen blijft sneeuwen, zich zulke gevallen kunnen +voordoen. De ongelukkige Vuurlanders blijven dan in hunne hutten, +die zij niet verlaten dan om in het naaste bosch brandhout te hakken: +roerloos hurken zij om het vuur en trachten in den slaap hun honger +te vergeten. Nijpt de honger te fel, dan trachten zij dien te stillen +door de wortels te eten van de _Armeria magellanica_, die zij langs +het strand opgraven, maar die hoegenaamd geen voedsel bevatten. Echter +duren zulke ongelukkige omstandigheden nooit langer dan drie of vier +dagen: de inlanders behoeven dus niet te bezwijken, al hebben zij het +hard te verantwoorden en al vermageren zij snel, vooral wanneer die +vastendagen met korte tusschenpoozen terugkeeren. Maar ten eenemale +onwaar is het, wat door oudere en nieuwere schrijvers verhaald wordt, +dat de Vuurlanders menscheneters zouden zijn, en dat zij met name +hunne oude vrouwen zouden doen stikken, om ze dan in tijd van gebrek +te eten. Hoe veel zij ook van den honger mogen te lijden hebben, nooit +verslinden zij elkander. Zij zijn zoo weinig kannibalen, dat zij zelfs +hun verslagen vijanden niet eten: het gebeurde met de protestantsche +zendelingen te Woollya, waarvan wij boven gesproken hebben, is daarvan +een bewijs: men vond de lijken van die zendelingen geheel ongeschonden. + +Opmerkelijk is de invloed, dien de grijsaards in het gezin uitoefenen +en de soort van vereering, die men voor hen koestert. Dit is een +eigenaardig verschijnsel, niet gemakkelijk met juiste woorden +te omschrijven. Uit de feiten die wij hebben kunnen waarnemen, +blijkt de volkomen onafhankelijkheid van de bejaarde hoofden der +gezinnen, zoo mannen als vrouwen:--deze laatsten natuurlijk alleen +ingeval de man overleden is. Zij doen geheel wat zij goed vinden en +niemand maakt daar eenige aanmerking op. Zij hebben altijd eenige +kinderen of kleinkinderen bij zich, die hun zeer onderdanig zijn +en al hunne bevelen uitvoeren. Toch kan men niet zeggen, dat zij, +als bij de patriarchale organisatie der familie, met het oppergezag +zijn bekleed. De zoon, die niet met zijn vader overweg kan, scheidt +zich af, en trekt met eenige vrienden naar elders, waar hij door de +tegenwoordigheid van zijne ouders in zijne bewegingen niet belemmerd +wordt. De meest kenmerkende karaktertrek van dit zonderlinge volk is +hun hartstochtelijke liefde voor wat zij vrijheid noemen en hun afkeer +van elken dwang. Dit dierlijke, echt barbaarsche instinkt wordt alleen +beperkt door de banden der familie, die sterk genoeg zijn om alle +leden van dezelfde familie, ook al leven zij van elkander verwijderd, +elkander te hulp te doen komen, en zelfs bij deze wilden het besef +te wekken van solidariteit en een hoogere wet boven de individueele +willekeur. Ook hier blijkt op nieuw, dat de familie de bakermat +der maatschappij en de grondslag van alle geordende menschelijke +samenleving is. + +De arbeid is zeer nauwkeurig tusschen de beide geslachten +verdeeld. Alle arbeid, die spierkracht en lichamelijke inspanning +vordert, komt ten laste van de mannen: zij hakken en vervoeren het +brandhout; zij bouwen de hutten en maken de prauwen, waarmede zij +ter robbenvangst gaan; zij vervaardigen de harpoenen, waarmede zij de +robben dooden, de slingers, die zij ook gebruiken op de otterjacht: +bij welke laatste zij ook door hunne honden geholpen worden, die in +de holen en gaten doordringen, waarin de otter zich verschuilt. + +De vrouwen verrichten wat wij de huiselijke bezigheden zouden kunnen +noemen: bij de eb gaan zij langs het strand mosselen en andere +schelpdieren zoeken; zij bereiden en koken de spijzen; zij maken +het vuur aan; zij zorgen voor den noodigen voorraad van drinkwater; +zij vlechten korven van riet en touwen voor het vastmaken der +prauwen; zij vervaardigen de halskettingen van doorboorde schelpen +of fragmenten van vogelbeenderen. Ook gaan zij uit visschen in hare +prauw, waarbij zij zich bedienen van een hengel, waaraan een mossel +of een stuk visch bevestigd is: zoodra de visch die prooi inslikt, +halen zij hem ijlings naar boven. Ook visschen zij, met behulp van een +soort van lange houten vorken, verschillende schelpen, zelfs op vrij +aanmerkelijke diepte. Tot de taak der vrouwen behoort ook het roeien +of liever het pagaaien der prauwen: dit is volstrekt geen zwaar werk, +want de van boomschors vervaardigde prauwen zijn zeer licht, even als +de riemen zelven. Bij al deze verschillende werkzaamheden leggen de +vrouwen eene groote mate van bekwaamheid aan den dag. + +De prauw, bijna voor den Vuurlander het eenige voorwerp dat hij niet +missen kan, is zeer licht en volkomen zeewaardig, maar heeft het +groote gebrek dat zij maar zeer kort duurt. Eene goede prauw houdt +het gemiddeld niet langer dan zes maanden uit. De mannen vervaardigen +de ranke boot, maar de vrouwen zorgen voor het onderhoud, voor het +herstellen van gebreken, het dichten van gaten en wat daar verder toe +behoort. De zorg voor de prauw rust overigens op alle leden des gezins, +op de mannen zoowel als op de vrouwen. Het lot van eene vuurlandsche +familie, die op zee haar kano verloren heeft, is al zeer treurig: +de ongelukkigen zouden dan vaak op eene of andere kale rots, den +hongerdood moeten sterven, wanneer hunne buren of bekenden, ongerust +over hunne lange afwezigheid, hen niet gingen opzoeken en redden. + +De vrouwen alleen kunnen zwemmen, hetgeen zeker zeer zonderling +is voor eene bevolking, die een groot deel van haar leven op zee +doorbrengt. Men begrijpt ter nauwernood, hoe de Vuurlanders, zonder te +kunnen zwemmen, aan de vele gevaren ontsnappen, waaraan zij telkens +zijn blootgesteld, vooral bij tochten die verscheidene dagen duren +en waarop zij lichtelijk door storm kunnen worden overvallen of met +onstuimige zeeën hebben te kampen. Zij moeten wel een groot vertrouwen +stellen in hunne prauwen; bovendien mag men als zeker aannemen, dat +velen hunner op zee verongelukken: gedurende ons verblijf hoorde ik +althans herhaaldelijk spreken van menschen, die hun dood in de golven +hadden gevonden. + +Hoewel zij zeer goed kunnen zwemmen, gaan de vrouwen echter zelden +voor haar genoegen te water: doorgaans bestaat daartoe eene bepaalde +aanleiding, bij voorbeeld, als zij een vogel moeten gaan halen, dien +zij van den oever met een steenworp gedood hebben. Meermalen echter, +als het weer betrekkelijk zacht was, heb ik de vuurlandsche vrouwen +een bad zien nemen en naar hartelust in het water rondspartelen. Het is +echter niet waar, wat sommige schrijvers beweren, dat zij veroordeeld +zijn om te duiken, ten einde zeeëgels te vangen: daartoe bedienen zij +zich van een eenvoudiger middel, en wel van de bovengenoemde houten +vorken, aan een langen stok bevestigd. + +Ook de kinderen hebben in het gezin de hun aangewezen taak te +vervullen. De kleine jongens nemen al spoedig deel aan de werkzaamheden +van hun vader, terwijl de meisjes haar moeder behulpzaam zijn. Het +heeft zeer mijne aandacht getrokken, dat de kinderen nooit mishandeld +worden; veeleer worden zij bedorven door hunne ouders, die zeer +veel van hen houden, al is het niet de gewoonte hen te liefkoozen, +zoo als men dat vaak in Europa ziet. + +Voor zoover ik heb kunnen nagaan, hebben de Vuurlanders geenerlei soort +van eeredienst; zelfs is er, naar men zegt, in hunne taal geen woord +om daarmede eene godheid, welke ook, aan te duiden. Toch vertoonen +zij sporen van eene soort van doodendienst: hoogst ongaarne spreken +zij van hun dooden, en die weerzin gaat, althans tegenover vreemden, +zoo ver, dat men niet dan met de grootste moeite de namen van hun +overleden bloedverwanten, zelfs van hun vader en hunne moeder, +vernemen kan. Misschien is het ook daaraan toe te schrijven, dat +zij zoo lang wachten, eer zij hun kinderen een naam geven. Zij weten +wel dat het kind naar de plaats zijner geboorte genoemd zal worden, +maar zij kennen het dien naam eerst toe omstreeks het tweede jaar, +als het kind begint te loopen. Komt het nu voor dien tijd te sterven, +dan zal het hooren van zijn naam hen niet aan het geleden verlies +herinneren. Ook onder elkander spreken zij, naar men zegt, nooit over +hunne dooden, hoewel zij tamelijk langen tijd rouw dragen over hunne +naaste betrekkingen: ten teeken van rouw maken zij zich het gelaat +zwart en scheren zich de kruin van het hoofd kaal. Ook beginnen de +vrouwen somwijlen, schijnbaar zonder eenige uitwendige aanleiding, +over hare afgestorvenen te weenen en te jammeren. Hangt dit een +en ander samen met eene zekere onbestemde, duistere vereering der +dooden? Men zou het haast meenen, want de dood op zich zelven boezemt +hun geene vrees in. Ik heb zoowel mannen als vrouwen, kinderen zoowel +als grijsaards, zonder eenige huivering of aandoening, opgedolven +schedels en beenderen van menschen zien behandelen; en ik heb reden om +te gelooven--wat de engelsche zendelingen mij trouwens uitdrukkelijk +bevestigd hebben--dat zij hun kranken, als het uiterste oogenblik +gekomen is, de keel toeknijpen, om aldus spoediger een einde aan hun +lijden te maken. + +Zij gelooven aan het bestaan van geheimzinnige wezens, die allerlei +verschrikkelijke gedaanten kunnen aannemen, en het geluid nabootsen +van een zeerob of van eenig ander dier. Wanneer zij 's nachts de +stem van zulk een wezen meenen gehoord te hebben, worden zij door +doodelijke vrees bevangen; zij verschansen zich op de onmogelijkste +manier in hunne hutten, rapen alles bijeen wat zij aan wapenen +bezitten, en wachten, bevend en sidderend, tot het gevaar geweken +en de dag aangebroken is. Na zulk een nacht te hebben doorgebracht, +kan niets hen bewegen, langer op die plek te blijven. Zoo spoedig +mogelijk verwijderen zij zich en gaan liefst naar een ander eiland, +om aan het geduchte spooksel te ontkomen. Deze geheimzinnige wezens, +die hunne slachtoffers vele nachten achtereen vervolgen en plagen, +noemen de Vuurlanders _oualapatou:_ zij hebben, veel overeenkomst met +de ook bij ons niet onbekende weerwolven. In ieder geval blijkt uit dit +bijgeloof, dat ook bij deze wilden het besef van het bovennatuurlijke, +hoe ruw en onontwikkeld ook, niet ontbreekt. + +Fitz-Roy heeft uitvoerig gesproken van hunne tooverdokters. In +werkelijkheid kennen de Vuurlanders zulke personen niet; maar er +heerscht bij hen eene gewoonte, waardoor het verhaal van den engelschen +reiziger zijne verklaring vindt. + +Wanneer een Vuurlander krank is, ondergaat hij geene andere +behandeling--uitgenomen de verworging, als het uitgemaakt is dat +hij gaat sterven,--dan eene soort van massage, die hetzij op het +hoofd, hetzij op de borst, hetzij op eenig ander lichaamsdeel wordt +toegepast, waar men onderstelt dat de ziekte schuilt. De personen, die +bepaaldelijk met deze behandeling zijn belast, worden _yakamouches_ +genoemd, en die titel gaat van vader op zoon over. Als de yakamouche +bij een zieke geroepen wordt, hurkt hij bij den patiënt neder, begint +een woest, onzamenhangend gezang, met allerlei gelaatsvertrekkingen +gepaard, en gaat dan tot de behandeling, uit wrijven en knijpen +bestaande, over, steeds schreeuwende en afschuwelijke gezichten +trekkende. Van tijd tot tijd houdt de yakamouche even op, om op den +patiënt en dan op zijne eigene handen te blazen, die hij vervolgens +boven het vuur heen en weer schudt; eindelijk snijdt hij met een schelp +of eenig ander scherp werktuig, een haarlok van den patiënt af, en +werpt dien in het vuur. Na die operatie is de zieke ongetwijfeld zeer +vermoeid, maar toch verklaart hij doorgaans, zich beter te gevoelen. + +Ik kan mij zeer goed verklaren dat de reisgenooten van Fitz-Roy, +en ook Fitz-Roy zelf, als zij bij toeval getuigen waren van zulk een +kuur, daarin eene werkelijke bezwering of betoovering hebben gemeend +te zien, door een soort van toovenaar of duivelbanner in praktijk +gebracht. Toch kent men aan de yakamouches--waarvan er overigens +in genoegzaam elke familie een gevonden wordt,--hoegenaamd geen +bovennatuurlijk vermogen toe. + +De yakamouches zijn voor het meerendeel bejaard; toch hebben wij +er enkelen gezien, die niet ouder konden zijn dan vijf-en-dertig +à veertig jaar; voor zoo ver ik heb kunnen nagaan, is er dus geen +leeftijd bepaald voor het verkrijgen van deze waardigheid, evenmin +als daarvoor eene voorbereiding of inwijding gevorderd wordt. Daar +Fitz-Roy hen altijd aan de spits der Vuurlanders vond, wanneer dezen +hem een of anderen poets bakten, heeft hij daaruit opgemaakt dat zij +zeker gezag over hunne volksgenooten uitoefenden. Maar ik voor mij +geloof dat dit niet het geval is, en dat zij geen ander gezag bezitten +dan wat hun toekomt als hoofd van een gezin, hetgeen zij altijd zijn, +daar de waardigheid of het ambt, zoo als men het noemen wil, eerst +na den dood des vaders op den oudsten zoon overgaat. Ook worden zij +voor hunne diensten nooit betaald, hetgeen hen zeer stellig van de +toovenaars, die wij elders aantreffen, onderscheidt. Evenals alle +anderen, leven zij van hetgeen de jacht en de visscherij hun opleveren +of van hetgeen zij op andere wijze kunnen machtig worden. + +Ziedaar, in een beknopt overzicht, de kenmerkende trekken van de zeden +en gewoonten der Vuurlanders, voor zoover zij in wilden staat leven, +buiten de engelsche missie aan het Beagle-kanaal. + +Ik moot ook met een enkel woord gewagen van hun uiterlijk +voorkomen. Zij zijn klein van gestalte: de mannen zijn gemiddeld +niet grooter dan één meter acht-en-vijftig, de vrouwen één meter +acht-en-veertig. De kleur van hunne huid is licht geel; hunne +gelaatstrekken zijn zeer grof en ruw; maar daarentegen hebben zij +zeer mooie bruine oogen, vol uitdrukking. Borst en dijen zijn breed; +de vrouwen zijn over het algemeen zwaarlijvig. De mannen dragen noch +baard, noch knevels; met uitzondering van hun hoofdhair, trekken zij +alle hairen uit. + +Zoo als ik reeds zeide, namen de inboorlingen in den beginne, tegenover +ons, eene zeer groote mate van terughouding in acht. Langzamerhand +openbaarde zich meer toenadering en vertrouwen, zonder dat de inlanders +daarom eenige verandering brachten in hunne gewone levenswijze. Wel +hadden zij de gewoonte aangenomen om, als wij aan tafel zaten, voor +onze hutten te komen staan, om de overgeschoten brokken te ontvangen, +die zij op staanden voet opaten of anders medenamen in de door ons +weggeworpen ledige blikjes, die zij met dat doel hadden opgezameld; +maar daarom hadden zij niet afgezien van de vischvangst of van het +opzoeken van schelpdieren bij lage zee. Hadden zij op die wijze een +paar weken aan de Oranjebaai doorgebracht, dan kwam de oude trek tot +zwerven weer boven: zij verdwenen eensklaps, en wij zagen hen in geen +maanden terug. Zoo wisselden onze buren telkens af, hetgeen ook al +niet bevorderlijk was aan het aanknoopen van nadere betrekkingen. + +Eerst vele maanden na onze vestiging, en nadat wij ons een groot +aantal woorden van hunne dagelijksche spreektaal hadden eigen +gemaakt, veranderde hunne houding tegenover ons en werden zij meer +familiaar. Het getal onzer buren bedroeg in den regel dertig of +veertig, op een totaal van tusschen de drie- en vierhonderd eilanders, +die ons afwisselend kwamen bezoeken. Daaronder waren er nu ten slotte +enkelen op wie wij rekenen konden voor het verrichten van een of ander +werk: en dan nog moest dat niet te dikwijls voorkomen en vooral niet +te lang duren. Nooit maakten zij bedenking tegen het loon, dat bijna +altijd uit eenige scheepsbeschuiten of stukken brood bestond. Slechts +een of twee hunner hebben wij ettelijke weken achtereen geregeld in +onze dienst kunnen houden. Als maatregel van voorzichtigheid, lieten +wij nooit een inlander bij ons overnachten; zij moesten altijd des +avonds naar hunne hutten terugkeeren, die trouwens op korten afstand +van onze barakken waren gelegen. + +Het is inderdaad zonderling, dat ook de inlanders die dagelijks met +ons verkeerden, er niet in slaagden ook maar een weinig fransch te +leeren: dikwijls genoeg was ik er getuige van, hoeveel moeite zij +zich gaven om eenige woorden van onze taal te onthouden: zij zeiden de +woorden zeer goed na, maar eenige oogenblikken later, waren zij ze weer +vergeten. Zij vroegen ons alle dagen om brood, maar gebruikten daarbij +altijd het engelsche woord _bread_. Ik geloof dat zij nooit meer dan +twee fransche woorden hebben kunnen onthouden: _oui_ en _chemise._ Hun +voorraad engelsch is ook bijster gering, en bepaalt zich doorgaans tot +vijftien of twintig woorden, die zij meer of minder goed uitspreken. + +Bij voorkeur richtten onze Vuurlanders hunne schreden naar ons +laboratorium van natuurlijke historie; zij wisten dat men daar op +hun persoon allerlei waarnemingen deed, waartoe zij zich volgaarne +leenden, in het vooruitzicht op eene belooning, wat beschuit of +andere spijze. Zij werden gemeten en betast; alle physiologische +bijzonderheden in bouw en constructie werden nauwkeurig onderzocht +en opgeteekend; van de verschillende doelen van hun lichaam werden +afdrukken in gips genomen. Ik heb zelfs een Vuurlander, en wel den +geduchten Athlinata, bijkans vier uren achtereen onbewegelijk zien +stilstaan om een afdruk te kunnen nemen van zijn geheelen persoon +ten voeten uit. Dat de proef mislukte, was niet zijne schuld, maar +alleen te wijten aan de slechte kwaliteit der gips, die bedorven was. + +Eerst den twintigsten December 1882 kon het laboratorium in +gebruik worden gesteld. Bij gemis van de noodige materialen had +men het grootendeels van planken van pakkisten moeten opslaan. Het +stond op eenigen afstand van de andere barakken: daarom konden wij +den Vuurlanders, den geheelen dag door, vrijen toegang verleenen, +zonder dat de goede orde in de missie daardoor leed. Zij waren daar +dus bijna geheel te huis, en kwamen en gingen bijkans naar dat het +hun goeddacht. Hoewel zij er nooit alleen werden gelaten, was hun +aantal dikwijls zoo groot, dat werkelijk toezicht onmogelijk was: +toch hebben zij nimmer iets ontvreemd, ondanks hunne reputatie van +dieven, die zij aan vroegere zeevaarders te danken hebben. + + +In den morgen van den eersten September 1883 werden de magnetische en +meteorologische waarnemingen van de missie aan Kaap Hoorn officieel +geëindigd verklaard. Sedert de laatste dagen had men zich reeds +onledig gehouden met het overbrengen van de kisten en doozen, die +onze collectiën bevatten, aan boord van de _Romanche_. Den derden +verlieten wij aan boord van dat schip de Oranjebaai, waar wij een jaar +hadden doorgebracht. Vier dagen later kwamen wij te Punta Arénas in de +straat van Magelhaens, van waar wij den twaalfden vertrokken, om zonder +verder oponthoud onze reis naar Frankrijk voort te zetten. Den elfden +November wierp de _Romanche_ het anker uit op de reede van Cherbourg, + + + + + +End of Project Gutenberg's Een Jaar aan Kaap Hoorn, by Door Doctor Hijades + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK EEN JAAR AAN KAAP HOORN *** + +***** This file should be named 15037-8.txt or 15037-8.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + https://www.gutenberg.org/1/5/0/3/15037/ + +Produced by Jeroen Hellingman and the PG Distributed Proofreaders Team + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +https://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at https://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at https://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit https://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including including checks, online payments and credit card +donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + https://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. diff --git a/15037-8.zip b/15037-8.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..59368e5 --- /dev/null +++ b/15037-8.zip diff --git a/15037-h.zip b/15037-h.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..13f5830 --- /dev/null +++ b/15037-h.zip diff --git a/15037-h/15037-h.htm b/15037-h/15037-h.htm new file mode 100644 index 0000000..cb70200 --- /dev/null +++ b/15037-h/15037-h.htm @@ -0,0 +1,1209 @@ + +<!DOCTYPE html +PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN" "http://www.w3.org/TR/html4/loose.dtd"> + +<!-- This HTML file has been automatically generated from an XML source, using XSLT. If you find any mistakes, please edit the XML source. --> +<html lang="nl-1900"> +<head> +<meta http-equiv="Content-Type" content="text/html; charset=UTF-8"> + +<title>Een Jaar aan Kaap Hoorn</title> +<link href="style/arctic.css" rel="stylesheet" type="text/css" title="Artic Blue"> +<link href="style/amazonia.css" rel="alternate stylesheet" type="text/css" title="Amazonia Green"> +<link href="style/borneo.css" rel="alternate stylesheet" type="text/css" title="Borneo Brown"> +<link href="style/gutenberg.css" rel="stylesheet" type="text/css"> +<link href="style/print.css" rel="stylesheet" type="text/css" media="print"> +<link rel="schema.DC" href="http://dublincore.org/documents/1998/09/dces/"> +<meta name="author" content="Doctor Hijades"> +<meta name="DC.Creator" content="Doctor Hijades"> +<meta name="DC.Title" content="Een Jaar aan Kaap Hoorn"> +<meta name="DC.Date" content="#######"> +<meta name="DC.Language" content="nl-1900"> +</head> +<body> + + +<pre> + +Project Gutenberg's Een Jaar aan Kaap Hoorn, by Door Doctor Hijades + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: Een Jaar aan Kaap Hoorn + From "De Aarde en Haar Volken", Jaargang 1886 + +Author: Door Doctor Hijades + +Release Date: February 14, 2005 [EBook #15037] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK EEN JAAR AAN KAAP HOORN *** + + + + +Produced by Jeroen Hellingman and the PG Distributed Proofreaders Team + + + + + +</pre> + +<span class="pageno"><a id="d0e63"></a>Bladzijde 89</span><a id="d0e64"></a><h1>Een Jaar aan Kaap Hoorn.</h1> +<p align="left" class="byline"><i>Door Doctor Hijades.</i></p> +<p id="d0e69"></p> +<div id="d0e70" class="divFigure"> +<p class="legend"><img src="img/p1886-089.jpg" alt="De Oranjebaai."></p> +<p class="figureHead">De Oranjebaai.</p> +</div><p> + +</p> +<p id="d0e74">Op verschillende internationale bijeenkomsten, die het eerst in 1879 te Hamburg, vervolgens te Bern en te Sint-Petersburg +werden gehouden, werd een programma besproken en vastgesteld voor eene reeks van waarnemingen en onderzoekingen, die te gelijker +tijd, op daartoe aangewezen punten van de poolstreken zouden geschieden, met het doel om gedurende een geheel jaar de magnetische +en meteorologische verschijnselen te bestudeeren. Nadat de meeste regeeringen hare goedkeuring aan dat programma hadden gehecht, +werden veertien stations aangewezen, waarvan twaalf rondom de Noordpool en de IJszee, en slechts twee zoo dicht mogelijk bij +de Zuidpool; en wel een in Nieuw-Zuid-Georgië, dat van wege Duitschland zou worden bezet, en een aan Kaap Hoorn, dat aan Frankrijk +werd toegewezen. + +</p> +<p id="d0e76">De waarnemingen moesten een geheel jaar duren, van 1 September 1882 tot 1 September 1883. Al deze verschillende missiën hebben +de haar aangewezen taak volbracht; en hoe treurig ook de afloop mocht zijn van de amerikaansche expeditie onder luitenant +Greely, die haar standplaats had op het fort Conger aan de Lady-Franklinbaai, en die van de vijf-en-twintig personen er achttien +door den dood verloor,—toch werden alle dokumenten door deze ongelukkigen opgesteld en bijeengebracht, behouden en ter beschikking +gesteld van de amerikaansche regeering. + +</p> +<p id="d0e78">Behalve de speciale studie van de meteorologie en van het aardmagnetisme, was ook aan iedere missie een zeer uitgebreid programma +voorgeschreven van sterrekundige waarnemingen en van onderzoekingen op het gebied der natuurlijke historie: zoölogie, botanie, +geologie. De vijf leden van de fransche missie wijdden verscheidene maanden aan voorbereidende studiën , om zich geheel op +de hoogte te stellen van de taak, die aan ieder meer bijzonder was toevertrouwd. Er moest ook voor woningen worden gezorgd, +en men besloot, te Parijs houten hutten of barakken te laten maken, volgens een bepaald plan gebouwd, en die zonder moeite +uit elkander genomen en weder opgezet konden worden. + +</p> +<p id="d0e80">Een rijksvaartuig, de <i>Romanche</i> onder bevel van den kapitein ter zee Martial, die tevens met de opperste leiding der expeditie was belast, moest het personeel +en het materieel der missie overbrengen. Gedurende het jaar, dat de missie aan Kaap Hoorn heeft doorgebracht, hebben de officieren +van de <i>Romanche</i>, die voor dezen tocht bepaaldelijk waren uitgekozen, zich onledig gehouden met het doen van hydrografische waarnemingen en +het in kaart brengen van de eilandengroepen ten zuiden van Vuurland; bovendien heeft de <i>Romanche</i> van alle door haar bezochte streken belangrijke collectiën op het gebied der natuurlijke historie medegebracht, en op haar +terugkeer peilingen gedaan. + +</p> +<p id="d0e91">Het belang der wetenschap stond bij deze geheele expeditie natuurlijk op den voorgrond: de romantische en pittoreske zijde +der reis moest noodwendig <span class="pageno"><a id="d0e93"></a>Bladzijde 90</span>op den achtergrond treden. Het ligt dan ook niet in mijn plan, de expeditie bij de vervulling harer taak dag voor dag te volgen. +Maar afgescheiden van zuiver wetenschappelijke kwesties, waarvan de behandeling niet te dezer plaatse behoort, kwam het mij +voor, dat een beknopt verhaal van de lotgevallen der missie, sedert haar vertrek uit Frankrijk tot haar terugkomst, ook voor +niet wetenschappelijk gevormde lezers eenig belang kon hebben. Ik zal mij daarbij hoofdzakelijk bepalen tot ons verblijf onder +de Vuurlanders. + +</p> +<p id="d0e95">De <i>Romanche</i> vertrok van Cherbourg den zeventienden Juli 1882; den vijfden September daaraanvolgende, des namiddags ten half vijf, voer +zij de straat van Lemaire binnen; in den namiddag van den volgenden dag wierp zij het anker uit in de Oranjebaai, aan de oostkust +van het schiereiland Hardy, deel uitmakende van het eiland Hoste, ten zuiden van Vuurland, op 55° 31′ zuiderbreedte en 70° +25′ oosterlengte. + +</p><a id="d0e100"></a><h2>I</h2> +<p id="d0e101">De Oranjebaai, die in April 1830 door Robert Fitz-Roy, en in Februari 1839 door den Amerikaan Wilkes was bezocht en beschreven, +scheen eene geschikte gelegenheid aan te bieden voor de vestiging van onze missie, en was dan ook als zoodanig aangewezen, +tenzij onvoorziene omstandigheden onze installatie daar ter plaatse onmogelijk mochten maken: in dat geval moesten wij een +geschikter plek opzoeken op het in de nabijheid gelegen eiland Hermitte. + +</p> +<p id="d0e103">Zoodra de <i>Romanche</i> het anker had uitgeworpen, was dan ook ons eerste werk aan land te gaan, om eene geschikte plaats voor onze nederzetting +op te zoeken. Wij behoefden onze eischen niet hoog te stellen: een vlak terrein, waarop wij onze barakken konden opslaan; +voorts de nabijheid van eene rivier of althans van drinkbaar water; eindelijk eene geschikte aanlegplaats voor de sloepen +die ons materieel aan wal moesten brengen en later, bij den terugkeer van de <i>Romanche</i>, onze gemeenschap met het schip moesten verzekeren. De eerste van deze drie voorwaarden bleek niet voor vervulling vatbaar. +Overal waar zich een vlak terrein bevond, was de grond zoo drassig, dat het zeer moeilijk viel daarop te loopen; wij moesten +dus een hooger terrein kiezen, waar wij de hutten boven elkander zouden kunnen plaatsen, hetzij op natuurlijke terrassen, +hetzij op kunstmatige platformen van boomstammen. Wij aarzelden aanvankelijk in de keus tusschen een landpunt, later Pointe +Lephay genoemd, en een kleinen heuvel een weinig ten noorden van die landpunt. Ten slotte kozen wij dit laatste punt, vooral +van wege de onmiddellijke nabijheid van eene rivier; en in den vroegen morgen van den achtsten September begonnen de werklieden +der missie, bijgestaan door eene talrijke afdeeling matrozen van de <i>Romanche</i> het terrein te ontginnen: welke arbeid de volgende dagen ijverig werd voortgezet. + +</p> +<p id="d0e114">Den zes-en-twintigsten September 1882 werden de eerste waarnemingen gedaan, die gedurende een geheel jaar onafgebroken moesten +worden voortgezet. Eigenlijk hadden zij reeds op den eersten September moeten beginnen; maar wij waren eerst op den zesden +aangekomen, en de sedert verloopen twintig dagen waren volstrekt noodig geweest voor onze installatie. Het met dicht kreupelhout +en struikgewas begroeide terrein moest worden gezuiverd en geëffend, waarbij op sommige plaatsen de rots moest worden afgehakt. +Nadat de barakken waren opgeslagen, moesten de wanden en de zoldering van binnen met een laag vilt, en de vloer met linoleum +worden bekleed, om zoo veel mogelijk de koude en de vocht af te weren. + +</p> +<p id="d0e116">Met de onderzoekingen betreffende de natuurlijke historie was aanstonds een aanvang gemaakt; evenzoo hadden wij al dadelijk +kennis kunnen maken met de inboorlingen. Reeds den volgenden dag na onze aankomst in de Oranjebaai waren verschillende prauwen +van boomschors naar het schip gekomen; de inboorlingen vroegen om levensmiddelen en voornamelijk scheepsbeschuit, en boden +in ruil daarvoor eenige produkten hunner kinderlijke nijverheid aan, zoo als halskettingen van beenderen of schelpen, beenen +punten van harpoenen en dergelijken. Deze Vuurlanders schenen in het minst niet ongerust of verbaasd over onze verschijning: +veel meer trachtten zij zoo veel beschuit, brood of andere spijzen te krijgen als maar mogelijk was. Zij vroegen noch om brandewijn, +noch om tabak, waarmede zij waarschijnlijk geheel onbekend waren; oude kleeren namen zij ook gewillig aan, maar toch was het +hun hoofdzakelijk om eetwaren te doen. + +</p> +<p id="d0e118">Het is niet gemakkelijk, met juistheid den eersten indruk weer te geven, dien de verschijning van deze inboorlingen op ons +maakte. Naar het scheen zonder eenig wantrouwen of vrees te koesteren, kwamen zij ons bezoeken of liever om voedsel vragen, +in hunne kano's van boomschors, allen, mannen en vrouwen, ouden en jongen, geheel naakt of hoogstens bekleed met een stuk +otter- of zeehondenvel, dat over hunne schouders was geworpen. Gedurende onzen overtocht hadden wij alles gelezen wat vroegere +zeevaarders, zoo als Weddell, Fitz-Roy, Darwin, Wilkes, over de bewoners van Vuurland geschreven hadden; wij wisten dus dat +zij, naar de eenstemmige verklaring van al deze schrijvers, ongeveer op den allerlaagsten trap van menschelijke ontwikkeling +staan. Zoodra wij de Vuurlanders zagen, meenden wij hen dan ook te kennen, en zochten wij reeds naar de voornaamste karaktertrekken, +door de vroegere onderzoekers aangewezen. Onze verrassing was dus minder groot dan zij anders geweest zou zijn; vooral verwonderde +het ons dat wij geen woord van hunne taal verstonden, hoewel wij ijverig de woordenlijst van Fitz-Roy en de taalkundige mededeelingen +van andere schrijvers hadden bestudeerd. Het eenige woord dat wij verstonden was het woord <i>beschuit</i>, dat zij <i>biskit</i> of <i>biskir</i> uitspraken en dat als in hun mond bestorven lag. Pogingen om uit te maken met welken stam wij eigenlijk te doen hadden, waren +aanvankelijk ten eenemale vruchteloos. + +</p> +<p id="d0e129">Eerst den volgenden dag, nadat wij de inboorlingen bij herhaling in hunne hutten hadden bezocht <span class="pageno"><a id="d0e131"></a>Bladzijde 91</span>en nauwkeurig gelet op een zeker aantal woorden, die zij telkens gebruikten, kwamen wij tot de zekerheid dat de aan de Oranjebaai +gevestigde stam dezelfde was, waaraan Fitz-Roy den naam van Tekinika geeft. Onze eerste gesprekken met deze inboorlingen werden +grootelijks vergemakkelijkt omdat een hunner eenige woorden engelsch verstond en sprak. Hij zeide Jack te heeten, had eene +vrouw en twee kinderen bij zich en had in zooverre iets voor boven zijne stamgenooten, dat hij een mondvol engelsch verstond; +voor het overige verkeerde hij in even ellendigen toestand als alle anderen. Hij ontving ons in zijne hut met de grootst mogelijke +koelheid; hij antwoordde vrij vlug op de eerste vragen die wij tot hem richtten, maar bleef weldra hardnekkig zwijgen, hetzij +uit vermoeidheid, hetzij uit wantrouwen, of om welke reden ook. Over het algemeen was er een merkwaardig verschil tusschen +de manier van doen van deze Vuurlanders, als zij in hunne prauwen langs de <i>Romanche</i> dobberden, en als wij hen aan land in hunne hutten bezochten. Op het water schenen zij in hun element; zij waren dan vroolijk +en opgewekt, praatziek en familiaar tot lastig wordens toe; aan land daarentegen was hunne houding wel niet vijandig, maar +toch teruggetrokken, wantrouwend, gedwongen, als van lieden wien het hindert door vreemden bespied te worden. Verschillende +redenen kunnen ter verklaring van deze handelwijze der Vuurlanders worden aangewend. Op zee gevoelen zij zich veiliger; kwam +er eene botsing, dan konden zij zich dadelijk met hunne prauwen uit de voeten maken; bovendien was bij hunne bezoeken aan +de <i>Romanche</i> hun eigenbelang in het spel en deden zij zich zoo gunstig mogelijk voor, om spijzen te krijgen, waarnaar zij zoo vurig verlangden. +Toen zij zagen dat wij ons aan land kwamen vestigen, zonder dat zij vermoeden konden wat ons doel was, was het vrij natuurlijk +dat zij zich over onze verschijning op hun eigen grondgebied ongerust maakten en van onze tegenwoordigheid niets dan overlast +vreesden. Dit zijn echter slechts onderstellingen: zij hebben hunne gevoelens nooit uitgesproken, en zij bezitten in hooge +mate het vermogen om hunne gewaarwordingen te verbergen en daarvan niets op hun onbewegelijk gelaat te laten blijken. + +</p> +<p id="d0e139">Op Zondag, 1 October 1882, omstreeks vier uren in den namiddag, liep een amerikaansche schoener de Oranjebaai binnen, en wierp +het anker uit tegenover de missie, naast de <i>Romanche</i>. Dit schip, dat jaarlijks deze zeeën bezoekt om robben te vangen, verschijnt dan in den regel in de Oranjebaai, om water +in te nemen en zich van brandhout te voorzien. De gezagvoerder had te Punta Arénas, in de straat van Magelhaens, hooren spreken +van de voorgenomen vestiging eener fransche missie aan de Oranjebaai, en kwam nu de hulp van onzen geneesheer inroepen voor +een zijner matrozen, die ernstig ziek was. + +</p> +<p id="d0e144">De schoener heette de <i>Thomas Hunt</i>; in vijf dagen had de bemanning, bij de Diego-Ramirez-eilanden en vooral op het eiland Ildefonso, ongeveer driehonderd robben +gedood; het hoogste cijfer der op een dag gedoode dieren was ditmaal zeventig geweest. Een paar jaren geleden, had men op +een dag vijfhonderd robben gevangen. De robben worden, als zij aan land zijn, omsingeld en dan doodgeschoten, somwijlen ook +doodgeslagen; de zeer jonge dieren blijven gespaard, maar alle anderen, mannetjes en wijfjes zonder onderscheid, gedood. De +bemanning van de <i>Thomas Hunt</i> bestond uit acht-en-twintig koppen, en er waren zeven geweren aan boord. Men doodt de robben enkel om hun vel; zoodra zij +aan boord zijn gebracht, wordt hun het vel afgestroopt, waarna de lichamen in zee worden geworpen. De huid wordt, na ingezouten +te zijn, naar Engeland verzonden om daar bewerkt te worden; zij levert eene bekende en zeer gezochte soort van bont op. + +</p> +<p id="d0e152">De gezagvoerder van de <i>Thomas Hunt</i> was nu reeds gedurende zeven jaren ter robbenvangst gevaren. Hij verklaarde dat die vangst steeds minder voordeelen opleverde +en dat het getal dezer robben snel afnam: hetgeen inderdaad niet te verwonderen is bij de ruwe, moorddadige wijze waarop de +jagers te werk gaan! Er behoort in waarheid eene groote mate van avontuurlijken zin en liefhebberij voor het vak toe, om het +beroep van robbenjager te kiezen, dat tegenwoordig maar eene zeer geringe winst oplevert. Het leven toch dezer robbenvangers +is alles behalve gemakkelijk of aangenaam. Hun voedsel bestaat, voor het grootste gedeelte, uit het vleesch der pingouins, +die zij dooden of levend vangen; de kapitein van de <i>Thomas Hunt</i>, die zich ook daarmede tevreden moest stellen, verklaarde mij echter dat dit vleesch zeer goed smaakte. De robbenjagers brengen +echter niet hun geheelen tijd aan boord door. Op hun schip zijn zij aan tallooze gevaren blootgesteld; maar nog veel erger +is hun toestand, wanneer zij, in het belang van de jacht, op een of ander onbewoond eilandje moeten achterblijven en daar +gedurende weken of maanden op de terugkomst van hun schip wachten. Blijft dan het schip langer weg dan waarop gerekend was, +dan zijn de achtergeblevenen aan de grootste ellende ter prooi. De kapitein van de <i>Thomas Hunt</i> had, voor zijne aankomst in de Oranjebaai, op het eiland Diego-Ramirez acht mannen gevonden, die door eene amerikaansche +goëlet daar waren achtergelaten om robben te vangen en van levensmiddelen voor drie maanden voorzien, maar die nu reeds sedert +vier maanden op de terugkomst van hun schip wachtten. Hun voorraad was geheel opgeteerd: zij hadden geen ander voedsel dan +de vogels, die het hun van tijd tot tijd gelukte te vangen. De <i>Thomas Hunt</i> had deze ongelukkigen opgenomen en hen naar het Beagle-kanaal, naar Ooshooia, gebracht, waar zij aan de verzorging van de +protestantsche zendelingen waren overgelaten. + +</p> +<p id="d0e166">Weldra zouden wij zelven met deze zendelingen in aanraking komen: tot onze groote verwondering zouden wij in dit wilde, onherbergzame +land, aan den uitersten uithoek der wereld, beschaafde mannen vinden, sedert lange jaren hier gevestigd. +<span class="pageno"><a id="d0e168"></a>Bladzijde 92</span></p><a id="d0e169"></a><h2>II</h2> +<p id="d0e170">In den morgen van den elfden November 1882 wierp eene goëlet, die de engelsche vlag voerde, het anker uit tegenover onze hutten. +Onze eerste gedachte was, dat wij ook nu weder te doen hadden met een robbenjager, die hetzij uit nieuwsgierigheid, hetzij +om onze hulp in te roepen, ons een bezoek kwam brengen. Deze onderstelling bleek evenwel onjuist: eene van het schip afgezonden +sloep naderde snel onze kleine aanlegplaats: zij bevatte twee passagiers, waarvan de een de gezagvoerder van het schip moest +zijn, terwijl de ander geheel het voorkomen had van een engelsch geestelijke. Eenige minuten later zetten die heeren voet +aan wal, en stelden zich zelven voor: de een was kapitein Willis, gezagvoerder van de goëlet <i>Allan Gardiner</i>, in dienst van den protestantschen zendingspost in Vuurland; de ander was de directeur (superintendent) van dien post, de +reverend Thomas Bridges. + +</p> +<p id="d0e175">Voor ons vertrek uit Frankrijk droegen wij kennis van het bestaan dezer missie: de post is aangewezen op de kaarten van het +zuidelijk deel van Vuurland; wij wisten dat wij in geval van nood daar hulp konden gaan vragen, en dat de zetel der missie +te Ooshooia of Ouchouaya was, ongeveer honderd kilometers ten noorden van de Oranjebaai. Daartoe bepaalde zich onze kennis +van dezen zendingspost. + +</p> +<p id="d0e177">De heer Bridges deelde ons dadelijk het doel van zijne komst mede. Van den kapitein van de <i>Thomas Hunt</i> vernomen hebbende, dat zich aan de Oranjebaai eene fransche wetenschappelijke missie bevond, waaraan ook een geneesheer verbonden +was, kwam hij ons verzoeken, te Ouchouaya een onderzoek in te stellen naar eene hevige epidemische ziekte, die sedert het +begin van het jaar onder de protestantsche missie woedde. Een aantal Vuurlanders waren door die moorddadige epidemie aangetast, +en al de aangetasten waren na verloop van hoogstens vijf of zes weken bezweken; de inlanders waren als door een panischen +schrik bevangen, en het engelsche personeel van de missie begon evenzeer te vreezen voor de besmetting eener ziekte, waartegen +geen geneesmiddelen iets hadden gebaat. Men moet evenwel niet vergeten, dat eigenlijke geneeskundige hulp te Ouchouaya niet +kon worden verleend, want in de omstreeks vijftien jaren dat de kleine engelsche kolonie daar gevestigd was, had zij nog nooit +een dokter gezien. + +</p> +<p id="d0e182">Het spreekt van zelf dat het verzoek van den heer Bridges onmiddellijk werd ingewilligd; bij gemis van nauwkeurige inlichtingen +omtrent den aard en den gang der epidemische ziekte die onder de Vuurlanders in zijne omgeving woedde, was het volstrekt noodig, +de patiënten zelven te zien; bovendien waren er onder de gezinnen der zendelingen velen lijdende, die zeer gaarne een geneesheer +zouden raadplegen. Dien eigen avond vertrok ik met den heer Bridges aan boord van de <i>Allan Gardiner</i>. Het was een heerlijk schoone avond, toen wij koers zetten naar het noorden; den volgenden dag was het weer niet minder mooi, +maar daar de wind in den namiddag geheel ging liggen, moest de goëlet overnachten in een kleinen inham, nabij het Beagle-kanaal, +niet ver van den engelschen zendingspost. Den dertienden November verlieten wij des morgens ten negen uren onze ankerplaats, +en kwamen twee uren later te Ouchouaya. + +</p> +<p id="d0e187"></p> +<table align="left" style="margin:10px; margin-left:0px"> +<tr> +<td> +<div id="d0e188" class="divFigure"> +<p class="legend"><img src="img/p1886-092.jpg" alt="Een klein meisje, aangekleed."></p> +<p class="figureHead">Een klein meisje, aangekleed.</p> +</div> +</td> +</tr> +</table><p> + +</p> +<p id="d0e192">Op het eerste gezicht maken zij een treurigen, weemoedigen indruk, die weinige engelsche huizen, waarvan al de materialen +uit Europa zijn aangevoerd, daar als neergeworpen in die doodsche sombere wildernis, aan dien verloren uithoek der wereld; +die eenvoudige huizen, ten verblijve strekkende aan de gezinnen der zendelingen, waarvan velen kleine kinderen hebben, die +nooit een ander vaderland hebben gekend. En die indruk wordt er niet beter op als men aan land gaat en de inboorlingen ziet, +natuurlijk minder wild dan in de omstreken van Kaap Hoorn, behoorlijk gekleed, eigenaars van betrekkelijk goed ingerichte +hutten, somtijds zelfs van netjes onderhouden tuinen; maar desniettemin volstrekt niet gelukkiger dan de naakt loopende Vuurlanders, +die in volle vrijheid met hunne prauwen op de zee rondzwerven om hun dagelijksch brood op te sporen. Men zou hier inderdaad +belangrijke vergelijkende studiën kunnen maken over de gevolgen van deze proeven van beschaving op volksstammen in volkomen +staat van wildheid levende. Is zulk een overgang inderdaad voor hen eene weldaad? De vraag mag worden gedaan, zonder iets +af te dingen op den lof en de bewondering, die <span class="pageno"><a id="d0e194"></a>Bladzijde 94</span>het streven verdient van de engelsche missie, wier geschiedenis ik hier kortelijk zal mededeelen. + +</p> +<p id="d0e196"></p> +<table align="right" style="margin:10px; margin-right:0px"> +<tr> +<td> +<div id="d0e197" class="divFigure"> +<p class="legend"><img src="img/p1886-093.jpg" alt="Jonge vrouwen uit Vuurland (eene in europeesch kostuum)."></p> +<p class="figureHead">Jonge vrouwen uit Vuurland (eene in europeesch kostuum).</p> +</div> +</td> +</tr> +</table><p> + +</p> +<p id="d0e201">In 1850 besloot Allan Gardiner, kapitein bij de koninklijke engelsche marine, naar Vuurland te gaan om te onderzoeken wat +er geworden was van de inlanders, die in 1832 door Fitz-Roy naar Engeland waren overgebracht en twee jaar later weer naar +hun vaderland teruggevoerd. Gardiner meende, dat het onvergefelijk zou zijn, zich verder niet met deze wilden te bemoeien, +en de kiemen van beschaving en christelijk geloof, door de Vuurlanders van Fitz-Roy onder hunne stamgenoten overgebracht, +te laten versterven. In 1850 vertrok hij uit Engeland, met den heer Williams, geneesheer-zendeling, den heer Maidment, architekt, +en vier visschers van Cornwallis. In Vuurland aangekomen, verlieten zij hun schip, en gingen over in kano's, waarmede zij +naar eene baai op het eiland Navarin wilden varen, waar zij onderstelden dat een der Vuurlanders van Fitz-Roy, die dus engelsch +verstond, woonde. Op dien tocht landden zij aan eene vlakte, waar de inlanders hen zoo vijandig ontvingen en eene zoo dreigende +houding aannamen, dat zij genoodzaakt waren, zich spoedig weder in te schepen. Een hevige storm veroorzaakte daarop groote +schade aan hunne kano's, waarvan een zelfs geheel verloren ging. Van hunne vaartuigen beroofd, namen zij nu de wijk in een +verlaten kreek, ten zuiden van Vuurland, waar zij, blootgesteld aan de hevige koude en met een geringen voorraad van mondbehoeften, +van week tot week uitzagen of niet een voorbijvarend schip hen redden zou. Naarmate de voorraad slonk, werden zij ziek en +stierven allen, een voor een, den verschrikkelijksten hongerdood. Eenigen tijd daarna vond men hun dagboek, waarin men het +eenvoudig, hartroerend verhaal van hun lang martelaarschap kon lezen tot op den laatsten levensdag van den laatst overgeblevene, +kapitein Gardiner. + +</p> +<p id="d0e203">In 1854 werd de <i>Allan Gardiner,</i> in Engeland voor rekening van het Genootschap voor de zending in Zuid-Amerika gebouwd, naar Vuurland gezonden. Men koos een +van de Falklandseilanden, het eiland Keppel, om daar een post te vestigen, waarheen men de Vuurlanders, die geneigd schenen +het Christendom aan te nemen, zou overbrengen om verder hunne opvoeding te voltooien. In 1858 werden, onder leiding van den +heer Pakenham Despard, de eerste Vuurlanders naar die missie gebracht: het waren Jemmy Button, een van de Vuurlanders van +Fitz-Roy, met zijne familie; voorts drie volwassen paren en twee jonge knapen. + +</p> +<p id="d0e208">Meenende nu het vertrouwen van de Vuurlanders gewonnen te hebben, achtten de zendelingen in 1859 het oogenblik gekomen om +zich in het land zelf dier wilden te gaan vestigen. Onder leiding van den heer Philips en van kapitein Fell van de <i>Allan Gardiner,</i> begaven zij zich dus naar Woollya, op de kust van het eiland Navarin, waar zij aanvankelijk goed werden ontvangen. Maar eenige +dagen later, op Zondag, 6 November 1859, terwijl zij godsdienstoefening hielden in eene tot kapel ingerichte hut, werden zij +door de inlanders overvallen en allen vermoord. Deze ramp verdoofde evenwel den moed niet van de zendelingen, die op het eiland +Keppel waren achtergebleven. Een vaartuig, uitgezonden om te ontdekken wat er van hunne ongelukkige broeders geworden was, +keerde terug met den jongen Vuurlander Okokko, die geen deel aan den moord had genomen, maar ook niet bij machte was geweest +om dien te verhinderen. Hij was vergezeld van zijne vrouw, en van hem leerden de overgebleven zendelingen de vuurlandsche +taal, waarin met name de heer Bridges, de tegenwoordige directeur der missie, die zich in 1802 op het eiland Keppel bevond, +snelle vorderingen maakte. + +</p> +<p id="d0e213">In 1863 keerde de <i>Allan Gardiner</i>, die naar Engeland was geweest om gekalefaterd te worden, naar het eiland Keppel terug met den reverend Stirling; aanstonds +werden nu op nieuw betrekkingen aangeknoopt met de bewoners van Vuurland zelf. Deze wilden waren ten hoogste verbaasd toen +zij bespeurden dat de blanken er niet aan dachten, wraak te nemen over den voor weinige jaren gepleegden moord aan de zendelingen, +wier lijken werden teruggevonden en den 11<sup>den</sup> Maart 1864, met groote plechtigheid te Woollya begraven. Sedert dien tijd bracht men naar de Falklandseilanden een vijftigtal +Vuurlanders, bij groepen van acht of tien te gelijk; zij ontvingen daar eenig onderricht, waarna zij naar hun land terugkeerden +en hunne oude zwervende levenswijze hervatten. + +</p> +<p id="d0e221">In 1865 nam de heer Stirling vier jonge Vuurlanders, van dertien tot achttien jaren, mede naar Europa. Zij bleven zestien +maanden in Engeland, waar zij zich onderscheidden door hun goed en ordelijk gedrag, door hunne scherpzinnigheid en vlugheid +van begrip. Een van hen stierf op de terugreis, den tweeden April 1867, na eene langdurige ziekte: een ander overleed kort +daarna den 24<sup>sten</sup> Juni; een derde eindelijk bezweek in Maart 1874. + +</p> +<p id="d0e226">In 1868 werd een klein station gevestigd te Liwaya, op het eiland Navarin, op den zuidelijken oever van het Beagle-kanaal, +en in Januari van het volgende jaar vestigde de heer Stirling zich geheel alleen te Ooshooia, op den noordelijken oever van +het kanaal, tegenover Liwya. Er was daar eene goede ankerplaats, bosch, water in overvloed, en een grond geschikt voor akkerbouw +en veeteelt.—In het begin van 1870 vestigde de reverend Th. Bridges. die een groot deel van zijn leven onder de Vuurlanders +op Keppel had doorgebracht en die tot superintendent der missie was benoemd, zich te Ooshooia, met twee bekeerlingen, waarvan +de een een bekwaam timmerman en de ander landbouwer was. Hoezeer men met de werkzaamheden zoo veel mogelijk spoed maakte, +verliepen er toch twee jaren eer het etablissement te Ooshooia gereed was. + +</p> +<p id="d0e228">Wie tegenwoordig te Ouchouaya komt, ziet daar een soort van dorp, met een zeker aantal huizen in plaats van hutten, eene kerk, +eene school en een weeshuis. De heer Bridges heeft eene vuurlandsche grammaire vervaardigd en een zeer uitgebreide woordenlijst +saamgesteld. Hij heeft ook het Evangelie van Lucas in de taal der inlanders <span class="pageno"><a id="d0e230"></a>Bladzijde 95</span>overgezet; deze vertaling is, in vijfhonderd exemplaren, te Londen gedrukt. Den 13<sup>den</sup> Augustus 1881 waren daarvan aan de inboorlingen te Ouchouaya twee-en-twintig exemplaren verkocht, tegen een franc vijf-en-twintig +centimes per stuk. Ook ontvangen de kweekelingen der missie zooveel mogelijk onderricht in het engelsch. + +</p> +<p id="d0e235">De Vuurlanders van Ouchouaya hebben geleerd, hunne akkers en tuinen te omheinen, planken te zagen, hutten te bouwen, wegen +aan te leggen. Men heeft runderen en geiten in hun land ingevoerd; zij gaan op europeesche wijze gekleed; in het weeshuis +ontvangen vijf-en-twintig ouderlooze kinderen verpleging en onderwijs. De zendelingen, die geene andere macht hebben dan hunne +zedelijke meerderheid, zijn de eenige wetgevers, en bijna altijd onderwerpen de inboorlingen zich aan hunne uitspraken. Ouchouaya +wordt langzamerhand een middelpunt, van waar de invloed der zendelingen zich naar alle kanten uitbreidt; het is reeds voorgekomen, +dat inboorlingen, aan de zendelingen persoonlijk geheel onbekend, hulp en bijstand hebben verleend aan schipbreukelingen, +geheel in strijd met de voorvaderlijke overleveringen en gebruiken. In 1882 bedroeg het getal Vuurlanders te Ouchouaya omstreeks +honderd-vijftig. + +</p> +<p id="d0e237">Meermalen is de vraag bij mij opgerezen: welke toekomst is voor deze missie weggelegd? Ondanks de onvermoeide en volhardende +pogingen der zendelingen gedurende vijftien jaren, heeft nog maar eene zeer kleine minderheid van de inlanders de oude levenswijze +laten varen, de godsdienst en de gebruiken der beschaafden, voor zoover het gaat, aangenomen en zich te Ouchouaya gevestigd. +De anderen—dat wil zeggen do overgroote meerderheid—komen wel soms enkele dagen te Ouchouaya doorbrengen, maar zij blijven +er niet. Zij geven verreweg de voorkeur aan het vrije, ongebonden, zwervende leven, gaande en trekkende naar het hun lust; +ondanks de vele ontberingen en den honger, waaraan zij bloot staan, verkiezen zij deze onafhankelijke levenswijze boven het +bestaan van hunne stamgenooten te Ouchouaya, die huizen en akkers en tuinen bezitten, veel minder ontberingen kennen en tamelijk +wel tegen honger gewaarborgd zijn, maar die daarentegen ook al de zorgen en beslommeringen ondervinden van het beschaafde +leven en bovenal dag aan dag geregeld moeten arbeiden. Dit laatste is voor den wilde—en niet enkel voor den Vuurlander—een +schier onoverkomelijk bezwaar. Daar de zorg voor den dag van morgen hem vreemd is, kan hij in den arbeid niets anders zien +dan eene doellooze, ondragelijke slavernij, waaraan hij zich tot iederen prijs poogt te onttrekken. Het is volstrekt niets +ongewoons, dat een inlander, die een of twee jaren te Ouchouaya heeft doorgebracht en door goed gedrag en ijverigen arbeid +reeds een eigen woning en een akker verkregen, op een goeden morgen eensklaps verdwijnt, met achterlating van alles, om tot +zijne vroegere levenswijze terug te keeren. Zal het gelukken, die diep ingewortelde neiging te overwinnen en de onrustige +nomaden aan vaste woonplaatsen en geregelden arbeid te gewennen? Nog meer: zal ook hier de plotselinge, geheel onvoorbereide +overgang van den laagsten trap der barbaarschheid tot de vormen en uiterlijke gewoonten en gebruiken eener hoog ontwikkelde +beschaving geen verderfelijken invloed uitoefenen op de inlanders zelven, en zal men hen niet, als zoo vele stammen in Noord-Amerika +en op de Zuidzee-eilanden, zien wegkwijnen en uitsterven? Reeds nu is de sterfte te Ouchouaya veel grooter dan elders. + +</p><a id="d0e239"></a><h2>III</h2> +<p id="d0e240">Met groote spanning werd, ook aan de Oranjebaai, de zesde December tegemoet gezien. Dien dag zou de overgang plaats hebben +van de planeet Venus langs de zonneschijf; en om dit verschijnsel goed waar te nemen, waren onder anderen uit Frankrijk, acht +speciale missiën naar Amerika vertrokken. Uit een astronomisch oogpunt was de zuidelijke punt van den archipel van Kaap Hoorn +zeker de meest geschikte plaats voor waarneming; maar men had dat punt niet durven opnemen onder de aanvankelijk uitgekozen +stations, uithoofde van de zeer geringe kans op goed weer in de maand December. Om echter van de gelegenheid, indien zij zich +toch mocht aanbieden, gebruik te kunnen maken, was de missie naar Kaap Hoorn voorzien van de noodige instrumenten, voor het +gadeslaan van den overgang der planeet. + +</p> +<p id="d0e242">De zesde December was een regenachtige dag, en reeds des morgens hield men het voor onmogelijk, het verschijnsel van den overgang +van Venus waar te nemen. Toch was op het bepaalde uur ieder op zijn post, bereid om de hem aangewezen taak te vervullen; en +zie—op het juiste oogenblik helderde de hemel op en vertoonde zich de zon. De operatie gelukte zoo goed mogelijk, en er was +dien dag feest in onzen kring. + +</p> +<p id="d0e244">Wij waren toen in het langst van de dagen, in het midden van den zomer van het zuidelijk halfrond. Maar aan Kaap Hoorn is +er eigenlijk geen zomer, of althans geen warm jaargetijde. In December 1882, een der minst koude maanden van het jaar, was +de temperatuur gemiddeld +7° 9; in Juni, dat wil zeggen in de koudste maand, daalde de thermometer niet beneden -2° 2. Hieruit +blijkt, dat het grootste verschil van temperatuur niet meer dan even vijf graden bedraagt. Voornamelijk hieraan zal wel het +mislukken van onze proeven van groenten-kultuur zijn toe te schrijven, waartoe trouwens ook de gesteldheid van den grond niet +medewerkte. De bodem bestond toch hoofdzakelijk uit moeras of veen; en waar een dunne laag teelaarde gevonden werd, was de +grond zoo doorwoeld met wortels, dat eene ontginning groote bezwaren opleverde: nog daargelaten dat ook deze terreinen zoo +vochtig waren, dat wij diepe slooten moesten graven om het water af te voeren. Toch zochten wij in een naburig boschje een +terrein van beperkten omvang uit, om daarop eene proef te nemen. Na den grond van wortels te hebben gezuiverd en om het terrein +in het vierkant greppels te hebben gegraven, zaaiden wij daarop verschillende groenten: boonen, erwten, kool, salade, radijs, +peterselie <span class="pageno"><a id="d0e246"></a>Bladzijde 96</span>enz., maar geen van deze groenten bracht het tot rijpheid. + +</p> +<p id="d0e248">Toch verbouwt de honderd mijlen meer noordelijk gelegen engelsche missie, voor hare eigen behoefte, met vrij goeden uitslag, +aardappelen, kool en wortelen, en hebben de inlanders vrij uitgestrekte moestuinen. Maar dit resultaat is niet verkregen dan +ten koste van ontzaglijken arbeid voor de ontginning en de drooglegging van het terrein; daarenboven is de grond langs het +Beagle-kanaal veel beter voor bebouwing geschikt dan aan de Oranjebaai. + +</p> +<p id="d0e250"></p> +<div id="d0e251" class="divFigure"> +<p class="legend"><img src="img/p1886-096.jpg" alt="Vuurlanders van de Oranjebaai en van Ouchouaya."></p> +<p class="figureHead">Vuurlanders van de Oranjebaai en van Ouchouaya.</p> +</div><p> + +</p> +<p id="d0e255">Was de zomer niet gunstig voor onze kweekerij en bracht dit jaargetijde al haast evenveel dagen van regen, sneeuw en hagel +als de winter, zoo droeg toch de lengte der dagen, de bloeitijd der planten, de betrekkelijke gemakkelijkheid van tochtjes +en uitstapjes er toe bij, om ons de zomermaanden te doen waardeeren. In dezen tijd des jaars, gedurende de langste dagen, +kwam de zon ten twee uren na middernacht op, en ging eerst ten tien uren 's avonds onder; en de korte tijd tusschen zons onder- +en opgang was veeleer eene lange schemering dan een eigenlijke nacht. + +</p> +<p id="d0e257">Men kan zich moeilijk voorstellen, met hoeveel bezwaren het maken van uitstapjes en zelfs van eenvoudige wandelingen, in den +omtrek van de Oranjebaai gepaard gaat. Nergens is een spoor van een weg of zelfs maar van een pad te ontdekken. Langs het +strand is het eene opeenstapeling van rotsblokken en groote steenklompen, waartegen men met behulp van handen en voeten moet +opklauteren, of waarlangs men zich moet laten afglijden. In het binnenland moet men zich al kruipend een weg banen door oerwouden +in miniatuur, waar men elk oogenblik neerploft in uitgeholde, verrotte boomstammen, die met hun bekleedsel van mos en woekerplanten +schijnbaar eene vaste oppervlakte vormen, maar bezwijken zoodra men er den voet op zet. Dan weer moet ge door poelen en moerassen +waden of over dicht ineengestrengeld doornig kreupelhout loopen dat als een harnas den bodem bedekt. Geen wonder dan ook, +dat wij onze meeste tochtjes te water maakten. Moesten wij echter het binnenland bezoeken of een berg beklimmen, dan schoot +er niets anders over dan te voet te gaan, vergezeld van eenige matrozen, die de noodige levensmiddelen droegen, want op de +Vuurlanders viel niet te rekenen: in den zomer na onze komst, die het meest geschikte seizoen was voor uitstapjes, waren wij +nog niet met de inlanders op genoegzaam vertrouwelijken voet. + +</p> +<p id="d0e259">Een van onze belangrijkste voetreizen was die naar de Bourchierbaai, op de westkust van het schiereiland Hardy, alzoo aan +den zoom van den Stillen-oceaan. + +</p> +<p id="d0e261"></p> +<table align="left" style="margin:10px; margin-left:0px"> +<tr> +<td> +<div id="d0e262" class="divFigure"> +<p class="legend"><img src="img/p1886-097.jpg" alt="Vuurlanders met slinger en harpoen."></p> +<p class="figureHead">Vuurlanders met slinger en harpoen.</p> +</div> +</td> +</tr> +</table><p> +<span class="pageno"><a id="d0e266"></a>Bladzijde 98</span></p> +<p id="d0e267">Den 25<sup>sten</sup> Januari 1883, des morgens omstreeks vijf uren, vertrokken wij met prachtig weer, van de missie: wij waren met ons vijven, +waaronder twee dragers, en richtten ons in rechte lijn naar het westen. Na eene korte halt halfweg, te midden van een bekoorlijk +berkenboschje, kwamen wij ten elf uren aan de baai Bourchier. Wij hadden slechts tweehonderd el behoeven te stijgen, en de +tocht had zich door geen enkel incident gekenmerkt. Toen wij naar het ruime, fraaie strand afdaalden, vonden wij stukken hout, +half in het zand begraven en blijkbaar sedert lang aan weer en wind blootgesteld; bij nader bezien, bleken het overblijfselen +van een schip, dat op deze onherbergzame kust was vergaan. En deze ontdekking was niet de eenige van dien aard: dikwijls genoeg +vonden wij wrakhout langs het strand, als ten spot van den naam, dien de Oceaan hier draagt. + +</p> +<p id="d0e272">Deze weemoedige tropeeën der verdelging pasten overigens volkomen bij het woeste en toch grootsche voorkomen van dit onherbergzaam +strand. Hier zoekt men te vergeefs naar sporen van menschelijke woningen: niets dan eene grillig gevormde kust, omzoomd door +steile heuvelen met berken begroeid, die naarmate zij hooger groeiden, door den fellen wind meer naar het westen waren overgebogen; +voorts bochtige, smalle kreeken, ingesloten tusschen hooge, loodrechte rotswanden, langs wier voet de golven klotsten en brandden: +in een woord een grootsch, aangrijpend, wild landschap. + +</p> +<p id="d0e274">Wij besteedden den ganschen dag met het onderzoek van het terrein, van de geologische gesteldheid en formatie der rotsen en +der vele kleine inhammen, die als het ware eene voortzetting van de baai en voor vaartuigen ontoegankelijk zijn. In een dezer +kreeken vonden wij overblijfselen van een schip dat, voor zoo ver wij konden nagaan, eerst voor korten tijd hier schipbreuk +had geleden: eene bijna ongeschonden ton, eene groote hoeveelheid rotting; in eene andere ontdekten wij een groot stuk hout, +dat met beeld- en snijwerk was versierd, en blijkbaar tot den spiegel van een of ander schip had behoord. + +</p> +<p id="d0e276">Het was natuurlijk niet mogelijk, bij dezen en bij dergelijke tochten kampementsartikelen mede te nemen, waaraan wij anders +wel behoefte hadden, voornamelijk aan eene tent, waarin wij konden overnachten. Wij trachtten nu in een klein boschje, op +een der heuvelen langs de baai, eene hut te bouwen op de manier der inlanders. Men behoeft daartoe slechts eenige boomstammen +af te kappen, die met het dikste einde in den grond te steken en met de punten naar elkander te buigen, zoodat aan den top +van deze soort van loofhut eene kleine opening gelaten wordt. De inlanders zorgen steeds dat het vuur in hunne hutten brandende +wordt gehouden; wij hadden ook gaarne vuur aangemaakt, maar wij zouden door den rook zijn gestikt; wij richtten dus naast +onze hut een kleinen brandstapel op, die rook in overvloed gaf, maar geen warmte. Wij ondervonden hier op nieuw, hoe onbeholpen +de beschaafde mensch is, als hij over geene andere hulpmiddelen kan beschikken dan die de natuur hem aanbiedt; de wilde weet +zich daar vrij wat beter van te bedienen en overwint zonder eenige moeite allerlei bezwaren, waarvoor de wetenschappelijk +ontwikkelde, fijn beschaafde blanke radeloos blijft staan. + +</p> +<p id="d0e278">Onze nacht was verre van aangenaam, maar duurde gelukkig kort: om drie uren was het klaar dag en daalden wij naar het strand +af, waar wij verder den morgen doorbrachten. Na in eene kleine vallei tusschen de zandduinen te hebben ontbeten, aanvaardden +wij omstreeks één uur de terugreis, nog steeds begunstigd door het heerlijkste weder; de warmte hinderde ons zelfs bij het +beklimmen der heuvelen. + +</p> +<p id="d0e280">Het spreekt van zelf dat ik geen verslag kan geven van al onze tochtjes te land en te water in den omtrek van de Oranjebaai; +slechts van een enkel watertochtje zal ik nog even spreken, om een denkbeeld te geven van dergelijke uitstapjes. + +</p> +<p id="d0e282">In den vroegen morgen van zaterdag, den derden Februari 1883, vertrokken twee leden van de missie, met den praeparator van +het Museum, vier matrozen en een Vuurlander, Jonathan genaamd, die een weinig engelsch sprak, in eene sloep van de Oranjebaai. +Wij zetten koers naar het noorden: ons doel was, zoo nauwkeurig mogelijk de oevers op te nemen van de Packsaddle-baai, de +Tekinika-Sound en de Ponsonby-Sound. Wij hadden voor drie à vier dagen levensmiddelen bij ons; onze Vuurlander moest ons de +noodige inlichtingen geven en ons als tolk dienen in het zeer waarschijnlijke geval dat wij inlanders zouden ontmoeten, die +wij niet kenden. + +</p> +<p id="d0e284">Het weer was prachtig: er was geen wolkje aan den hemel te zien, en de zee was zoo glad als een spiegel. Omstreeks elf uur +hielden wij stil om ons ontbijt te gebruiken op een klein steenachtig strand, in de Packsaddle-baai, tegenover het eiland +van denzelfden naam. Even na den middag gingen wij weer aan boord en voeren langs de Tekinika-Sound, waarna wij herhaaldelijk +aan land gingen om de rotsen te onderzoeken en fragmenten van den steen mede te nemen. Tegen den avond bereikten wij den ingang +van Ponsonby-Sound, waar wij de sloep op den oever haalden en op het strand overnachtten, aan den voet van boschrijke heuvelen. + +</p> +<p id="d0e286">Den volgenden morgen ten zes uur werd de sloep weer in zee gelaten en voeren wij verder noordwaarts. Kort daarna, langs een +eilandje varende, waar wij tusschen de rotsen verscheidene inlanders meenden te bespeuren, ontmoetten wij eene prauw vol Vuurlanders, +die aanstonds onze aandacht trokken. Een hunner, een man van omstreeks veertig jaar, had zijn gezicht geheel zwart gemaakt; +de anderen hadden ook zwarte strepen op hun gelaat, en allen hadden boven op het hoofd eene soort van tonsuur, waar het haar +zeer kort was afgeknipt. Door tusschenkomst van Jonathan vroegen wij inlichting aan den man met het zwarte gezicht; en deze, +Oufhtaradeka genoemd, deelde ons mede, dat allen in den rouw waren over zijne vrouw, die weinige dagen geleden gestorven was. +Op mijn verzoek verklaarde de weduwnaar zich aanstonds bereid, mij naar het graf zijner vrouw te geleiden. Hij stapte mitsdien +over in onze sloep, en <span class="pageno"><a id="d0e288"></a>Bladzijde 99</span>bracht ons naar een klein eilandje in de nabijheid. + +</p> +<p id="d0e290">Het graf bevond zich nabij eene oude, onbewoonde hut, waarachter men tusschen de struiken het spoor van een pad zag. Op een +hoogte van omstreeks zes el zag men een soort van kuil, omstreeks twee el lang en breed en twintig duim diep. De bodem bestond +hier uit gruis van schelpen; de randen van den kuil waren geheel begroeid. Oufhtaradeka wees ons de plek waar zijne vrouw +begraven lag. De bovenste laag schelpen werd weggeruimd; daaronder vonden wij eenige groene berkentakken, en vervolgens een +soort van afdak van boomstronken en schors, waaronder het lijk lag, dat geheel gewikkeld was in oude kleeren, vermoedelijk +van matrozen afkomstig, en die met een riem van robbevel om het lichaam waren vastgemaakt. De weduwnaar maakte dien riem los, +en wij zagen nu het geheel naakte lijk eener jonge vrouw, die met de voeten naar het noorden lag en geen andere versierselen +droeg dan een ring van robbevel om de enkels. + +</p> +<p id="d0e292">Juist toen ik mij gereed maakte eene fotografie van deze plek te nemen, verschenen drie prauwen met Vuurlanders, waaronder +zich een zekere Athlinata bevond, van wien Jonathan bij herhaling gesproken had, als van iemand die een zeer grooten invloed +uitoefende en die zijn persoonlijke vijand was. Naar Jonathan verzekerde, was Athlinata—een prachtexemplaar van een wilde, +die tegenover ons eene bijna uitdagende houding aannam,—ook jegens de missie aan de Oranjebaai zeer vijandig gezind. Wij oordeelden +het voorzichtiger van de voorgenomen fotografie af te zien, en scheepten ons weder in. + +</p> +<p id="d0e294">Tegenwind verhinderde ons verder noordwaarts te stevenen; ook maakten wij ons ongerust over de verhalen van Jonathan, die +beweerde dat Athlinata van onze afwezigheid wilde gebruik maken om de missie aan te vallen. Wij besloten daarom terug te keeren, +en brachten den nacht door in een der baaien van Ponsonby-Sound, op een verrukkelijk schoon strand, door bosschen omzoomd +en bezet met eenige lichte, van boomtakken opgeslagen hutten. Den volgenden morgen voeren wij naar het eiland Packsaddle, +waar wij te vergeefs naar robben uitzagen, die, toch zooals Jonathan verzekerde, hier zeer talrijk waren. + +</p> +<p id="d0e296">Na aan den ingang van de Tekinika-Sound te hebben overnacht, kwamen wij den volgenden morgen omstreeks acht uur aan de missie +terug. De praatjes van Jonathan bleken ongegrond: onze achtergelaten landgenooten waren door niemand aangevallen of verontrust +geworden. + +</p><a id="d0e298"></a><h2>VI</h2> +<p id="d0e299">Ik acht het oogenblik gekomen om mijn lezers meer nauwkeurig bekend te maken met de inlanders, van wie ik tot hiertoe slechts +in het voorbijgaan gesproken heb, en omtrent wie wij tot dusver niet dan onvolledige en onnauwkeurige berichten ontvingen. +Wij hebben deze menschen zoo nauwkeurig mogelijk en geheel onbevooroordeeld bestudeerd, en ons best gedaan om zoo veel in +ons vermogen was, ons te hoeden voor verkeerde oordeelvellingen en vergissingen, waaraan men bij de waarneming der zeden en +gewoonten van een geheel wilden volksstam zoo licht blootstaat. Wat wij te zeggen hebben betreft uitsluitend de levenswijze +der Vuurlanders: anthropologische en ethnografische kwesties blijven buiten bespreking. Wij zullen ons dus ook niet verdiepen +in de vraag, van waar deze eilanders afkomstig zijn, en of zij inderdaad, zoo als men gezegd heeft, zijn te beschouwen als +de verbasterde overblijfselen van een amerikaansch volk, dat door overmachtige vijanden verdreven en naar dezen uithoek der +wereld terug gedrongen zou zijn. + +</p> +<p id="d0e301">Onder den naam van Vuurlanders verstaan wij thans alleen de bevolking van den archipel van Kaap Hoorn. Het is duidelijk, dat +de twee andere stammen, die de landen in den omtrek van de Straat van Magelhaens bewonen, de Alakalouf op de westkust, en +de Ona in het eigenlijke Vuurland, evenzeer aanspraak op den naam van Vuurlanders hebben; maar daar wij met deze stammen niet +in aanraking zijn geweest, kunnen wij ook niet van hen spreken. + +</p> +<p id="d0e303">De Vuurlander van de Oranjebaai en de omstreken van Kaap Hoorn woont van alle ons bekende menschenrassen, het dichtst bij +de zuidpool, al is hij daarvan nog door eene wijde zee gescheiden. Hij behoort tot den stam der Tekinika, volgens Fitz-Roy, +of der Yaghane, volgens de tegenwoordige engelsche zendelingen. Al wat de eerste reizigers, die hen voor ruim anderhalve eeuw +bezochten, van de inlanders verhalen, is nog volkomen waar. Alleen zijn die berichten onvolledig, en verdiepen de schrijvers +zich vaak in gissingen, verklaringen en theorieën, waarvan de onhoudbaarheid thans algemeen erkend wordt. + +</p> +<p id="d0e305">De Vuurlander van Kaap Hoorn heeft niet, als de bewoner der noordelijke streken, weten gebruik te maken van hetgeen zijn land +hem kon aanbieden om zijn leven te veraangenamen. Hij heeft noch kleeding, noch huis, noch voorraad. De robbehuid of de mantel +van aan elkaar gehechte kleine ottervellen, die hij over de schouders werpt om zich eenigermate tegen de kou te dekken, kan +kwalijk den naam van kleedingstuk dragen. De loofhut, die hij binnen een paar uren aan den oever opricht, om daarin naast +het vuur neergehurkt, te overnachten, heeft niets gemeens met een huis, hoe eenvoudig ook. Hij leeft weken lang van het vleesch +van walvisschen of robben, maar denkt er niet aan om het te bewaren of er een voorraad van te verzamelen. Daar deze levenswijze +dubbel vreemd schijnt in een koud land, waar de gemiddelde temperatuur niet hooger is dan 5° (7° 17 in den zomeren 3° 56 in +den winter), is eene nadere toelichting niet overbodig. + +</p> +<p id="d0e307">Kleeding, in den gewonen zin van dat woord, kent, zoo als ik zeide, de Vuurlander niet. De vrouwen alleen dragen iets, dat +men een kleedingstuk zou kunnen noemen, namelijk een driekant lapje van ottervel, zoo groot als een hand, dat aan een dunnen +riem tusschen de dijen hangt, en dat zij nooit afleggen. Ik moet evenwel hierbij voegen, <span class="pageno"><a id="d0e309"></a>Bladzijde 100</span>dat het besef van kuische schaamte hun niet vreemd is, vooral niet aan de vrouwen, zoo als ik meermalen in de gelegenheid +was op te merken. De jonge meisjes maken met een soort van wit krijt strepen op haar gelaat: dat is haar eenige koketterie. + +</p> +<p id="d0e311">De Vuurlanders bewonen nooit dan zeer tijdelijk dezelfde hut: het is dus niet vreemd, dat zij niet veel arbeid besteden aan +een verblijf dat zij na weinige dagen, misschien zelfs reeds den volgenden morgen, weer zullen verlaten. Eenige zware takken +of boomstammen, zoo in den grond gestoken dat zij elkander van boven raken; enkele handen vol bladeren om de opengebleven +gaten zoo goed mogelijk dicht te stoppen: ziedaar de bouwstoffen voor eene vuurlandsche hut. De grond daarbinnen wordt haastig +plat getrapt, om daarop het vuur over te brengen en te onderhouden, dat in de prauw brandde: en de woning is gereed. Somwijlen +hebben wij grooter en beter tegen den regen gedekte hutten gezien, maar de constructie is altijd dezelfde. Daarentegen zijn +er ook familiën, voor wie zelfs zulk eene hut nog te veel is, en die zich eenvoudig aan den voet van eene rots legeren, rondom +een vuur, dat de wind en de regen telkens dreigen uit te blusschen. Bedden, in welken vorm ook, zijn ten eenemale onbekend: +de Vuurlander slaapt op den blooten grond, hoogstens met wat gras of bladeren bedekt. + +</p> +<p id="d0e313">Niet minder onbekend is hem de zorg voor de naaste toekomst. Hij leeft letterlijk van den eenen dag op den anderen, van hetgeen +de jacht of de vischvangst hem oplevert. Hij heeft ook geene andere bezigheid dan deze: als hij niet jaagt of vischt, zijne +prauw timmert of herstelt, of hout hakt voor zijn vuur, dan slaapt hij. Natuurlijk zal men vragen, hoe zij het dan aanleggen, +als zij, hetzij van wege het jaargetijde, hetzij door ziekte, niet kunnen jagen of visschen, en ook geen schelpen opzoeken, +en zij niet het voorrecht hebben gehad, om langs het strand een dooden rob of een gestranden walvisch te vinden? En het is +niet tegen te spreken, dat in den winter, wanneer het soms dagen lang achtereen blijft sneeuwen, zich zulke gevallen kunnen +voordoen. De ongelukkige Vuurlanders blijven dan in hunne hutten, die zij niet verlaten dan om in het naaste bosch brandhout +te hakken: roerloos hurken zij om het vuur en trachten in den slaap hun honger te vergeten. Nijpt de honger te fel, dan trachten +zij dien te stillen door de wortels te eten van de <i>Armeria magellanica</i>, die zij langs het strand opgraven, maar die hoegenaamd geen voedsel bevatten. Echter duren zulke ongelukkige omstandigheden +nooit langer dan drie of vier dagen: de inlanders behoeven dus niet te bezwijken, al hebben zij het hard te verantwoorden +en al vermageren zij snel, vooral wanneer die vastendagen met korte tusschenpoozen terugkeeren. Maar ten eenemale onwaar is +het, wat door oudere en nieuwere schrijvers verhaald wordt, dat de Vuurlanders menscheneters zouden zijn, en dat zij met name +hunne oude vrouwen zouden doen stikken, om ze dan in tijd van gebrek te eten. Hoe veel zij ook van den honger mogen te lijden +hebben, nooit verslinden zij elkander. Zij zijn zoo weinig kannibalen, dat zij zelfs hun verslagen vijanden niet eten: het +gebeurde met de protestantsche zendelingen te Woollya, waarvan wij boven gesproken hebben, is daarvan een bewijs: men vond +de lijken van die zendelingen geheel ongeschonden. + +</p> +<p id="d0e318">Opmerkelijk is de invloed, dien de grijsaards in het gezin uitoefenen en de soort van vereering, die men voor hen koestert. +Dit is een eigenaardig verschijnsel, niet gemakkelijk met juiste woorden te omschrijven. Uit de feiten die wij hebben kunnen +waarnemen, blijkt de volkomen onafhankelijkheid van de bejaarde hoofden der gezinnen, zoo mannen als vrouwen:—deze laatsten +natuurlijk alleen ingeval de man overleden is. Zij doen geheel wat zij goed vinden en niemand maakt daar eenige aanmerking +op. Zij hebben altijd eenige kinderen of kleinkinderen bij zich, die hun zeer onderdanig zijn en al hunne bevelen uitvoeren. +Toch kan men niet zeggen, dat zij, als bij de patriarchale organisatie der familie, met het oppergezag zijn bekleed. De zoon, +die niet met zijn vader overweg kan, scheidt zich af, en trekt met eenige vrienden naar elders, waar hij door de tegenwoordigheid +van zijne ouders in zijne bewegingen niet belemmerd wordt. De meest kenmerkende karaktertrek van dit zonderlinge volk is hun +hartstochtelijke liefde voor wat zij vrijheid noemen en hun afkeer van elken dwang. Dit dierlijke, echt barbaarsche instinkt +wordt alleen beperkt door de banden der familie, die sterk genoeg zijn om alle leden van dezelfde familie, ook al leven zij +van elkander verwijderd, elkander te hulp te doen komen, en zelfs bij deze wilden het besef te wekken van solidariteit en +een hoogere wet boven de individueele willekeur. Ook hier blijkt op nieuw, dat de familie de bakermat der maatschappij en +de grondslag van alle geordende menschelijke samenleving is. + +</p> +<p id="d0e320">De arbeid is zeer nauwkeurig tusschen de beide geslachten verdeeld. Alle arbeid, die spierkracht en lichamelijke inspanning +vordert, komt ten laste van de mannen: zij hakken en vervoeren het brandhout; zij bouwen de hutten en maken de prauwen, waarmede +zij ter robbenvangst gaan; zij vervaardigen de harpoenen, waarmede zij de robben dooden, de slingers, die zij ook gebruiken +op de otterjacht: bij welke laatste zij ook door hunne honden geholpen worden, die in de holen en gaten doordringen, waarin +de otter zich verschuilt. + +</p> +<p id="d0e322"></p> +<div id="d0e323" class="divFigure"> +<p class="legend"><img src="img/p1886-101.jpg" alt="Hutten der Vuurlanders."></p> +<p class="figureHead">Hutten der Vuurlanders.</p> +</div><p> + +</p> +<p id="d0e327">De vrouwen verrichten wat wij de huiselijke bezigheden zouden kunnen noemen: bij de eb gaan zij langs het strand mosselen +en andere schelpdieren zoeken; zij bereiden en koken de spijzen; zij maken het vuur aan; zij zorgen voor den noodigen voorraad +van drinkwater; zij vlechten korven van riet en touwen voor het vastmaken der prauwen; zij vervaardigen de halskettingen van +doorboorde schelpen of fragmenten van vogelbeenderen. Ook gaan zij uit visschen in hare prauw, waarbij zij zich bedienen van +een hengel, waaraan een mossel of een stuk visch bevestigd is: zoodra de visch die prooi inslikt, halen zij hem ijlings naar +boven. Ook visschen zij, met behulp van een soort van lange houten vorken, verschillende <span class="pageno"><a id="d0e329"></a>Bladzijde 102</span>schelpen, zelfs op vrij aanmerkelijke diepte. Tot de taak der vrouwen behoort ook het roeien of liever het pagaaien der prauwen: +dit is volstrekt geen zwaar werk, want de van boomschors vervaardigde prauwen zijn zeer licht, even als de riemen zelven. +Bij al deze verschillende werkzaamheden leggen de vrouwen eene groote mate van bekwaamheid aan den dag. + +</p> +<p id="d0e331">De prauw, bijna voor den Vuurlander het eenige voorwerp dat hij niet missen kan, is zeer licht en volkomen zeewaardig, maar +heeft het groote gebrek dat zij maar zeer kort duurt. Eene goede prauw houdt het gemiddeld niet langer dan zes maanden uit. +De mannen vervaardigen de ranke boot, maar de vrouwen zorgen voor het onderhoud, voor het herstellen van gebreken, het dichten +van gaten en wat daar verder toe behoort. De zorg voor de prauw rust overigens op alle leden des gezins, op de mannen zoowel +als op de vrouwen. Het lot van eene vuurlandsche familie, die op zee haar kano verloren heeft, is al zeer treurig: de ongelukkigen +zouden dan vaak op eene of andere kale rots, den hongerdood moeten sterven, wanneer hunne buren of bekenden, ongerust over +hunne lange afwezigheid, hen niet gingen opzoeken en redden. + +</p> +<p id="d0e333">De vrouwen alleen kunnen zwemmen, hetgeen zeker zeer zonderling is voor eene bevolking, die een groot deel van haar leven +op zee doorbrengt. Men begrijpt ter nauwernood, hoe de Vuurlanders, zonder te kunnen zwemmen, aan de vele gevaren ontsnappen, +waaraan zij telkens zijn blootgesteld, vooral bij tochten die verscheidene dagen duren en waarop zij lichtelijk door storm +kunnen worden overvallen of met onstuimige zeeën hebben te kampen. Zij moeten wel een groot vertrouwen stellen in hunne prauwen; +bovendien mag men als zeker aannemen, dat velen hunner op zee verongelukken: gedurende ons verblijf hoorde ik althans herhaaldelijk +spreken van menschen, die hun dood in de golven hadden gevonden. + +</p> +<p id="d0e335">Hoewel zij zeer goed kunnen zwemmen, gaan de vrouwen echter zelden voor haar genoegen te water: doorgaans bestaat daartoe +eene bepaalde aanleiding, bij voorbeeld, als zij een vogel moeten gaan halen, dien zij van den oever met een steenworp gedood +hebben. Meermalen echter, als het weer betrekkelijk zacht was, heb ik de vuurlandsche vrouwen een bad zien nemen en naar hartelust +in het water rondspartelen. Het is echter niet waar, wat sommige schrijvers beweren, dat zij veroordeeld zijn om te duiken, +ten einde zeeëgels te vangen: daartoe bedienen zij zich van een eenvoudiger middel, en wel van de bovengenoemde houten vorken, +aan een langen stok bevestigd. + +</p> +<p id="d0e337">Ook de kinderen hebben in het gezin de hun aangewezen taak te vervullen. De kleine jongens nemen al spoedig deel aan de werkzaamheden +van hun vader, terwijl de meisjes haar moeder behulpzaam zijn. Het heeft zeer mijne aandacht getrokken, dat de kinderen nooit +mishandeld worden; veeleer worden zij bedorven door hunne ouders, die zeer veel van hen houden, al is het niet de gewoonte +hen te liefkoozen, zoo als men dat vaak in Europa ziet. + +</p> +<p id="d0e339">Voor zoover ik heb kunnen nagaan, hebben de Vuurlanders geenerlei soort van eeredienst; zelfs is er, naar men zegt, in hunne +taal geen woord om daarmede eene godheid, welke ook, aan te duiden. Toch vertoonen zij sporen van eene soort van doodendienst: +hoogst ongaarne spreken zij van hun dooden, en die weerzin gaat, althans tegenover vreemden, zoo ver, dat men niet dan met +de grootste moeite de namen van hun overleden bloedverwanten, zelfs van hun vader en hunne moeder, vernemen kan. Misschien +is het ook daaraan toe te schrijven, dat zij zoo lang wachten, eer zij hun kinderen een naam geven. Zij weten wel dat het +kind naar de plaats zijner geboorte genoemd zal worden, maar zij kennen het dien naam eerst toe omstreeks het tweede jaar, +als het kind begint te loopen. Komt het nu voor dien tijd te sterven, dan zal het hooren van zijn naam hen niet aan het geleden +verlies herinneren. Ook onder elkander spreken zij, naar men zegt, nooit over hunne dooden, hoewel zij tamelijk langen tijd +rouw dragen over hunne naaste betrekkingen: ten teeken van rouw maken zij zich het gelaat zwart en scheren zich de kruin van +het hoofd kaal. Ook beginnen de vrouwen somwijlen, schijnbaar zonder eenige uitwendige aanleiding, over hare afgestorvenen +te weenen en te jammeren. Hangt dit een en ander samen met eene zekere onbestemde, duistere vereering der dooden? Men zou +het haast meenen, want de dood op zich zelven boezemt hun geene vrees in. Ik heb zoowel mannen als vrouwen, kinderen zoowel +als grijsaards, zonder eenige huivering of aandoening, opgedolven schedels en beenderen van menschen zien behandelen; en ik +heb reden om te gelooven—wat de engelsche zendelingen mij trouwens uitdrukkelijk bevestigd hebben—dat zij hun kranken, als +het uiterste oogenblik gekomen is, de keel toeknijpen, om aldus spoediger een einde aan hun lijden te maken. + +</p> +<p id="d0e341">Zij gelooven aan het bestaan van geheimzinnige wezens, die allerlei verschrikkelijke gedaanten kunnen aannemen, en het geluid +nabootsen van een zeerob of van eenig ander dier. Wanneer zij 's nachts de stem van zulk een wezen meenen gehoord te hebben, +worden zij door doodelijke vrees bevangen; zij verschansen zich op de onmogelijkste manier in hunne hutten, rapen alles bijeen +wat zij aan wapenen bezitten, en wachten, bevend en sidderend, tot het gevaar geweken en de dag aangebroken is. Na zulk een +nacht te hebben doorgebracht, kan niets hen bewegen, langer op die plek te blijven. Zoo spoedig mogelijk verwijderen zij zich +en gaan liefst naar een ander eiland, om aan het geduchte spooksel te ontkomen. Deze geheimzinnige wezens, die hunne slachtoffers +vele nachten achtereen vervolgen en plagen, noemen de Vuurlanders <i>oualapatou:</i> zij hebben, veel overeenkomst met de ook bij ons niet onbekende weerwolven. In ieder geval blijkt uit dit bijgeloof, dat +ook bij deze wilden het besef van het bovennatuurlijke, hoe ruw en onontwikkeld ook, niet ontbreekt. + +</p> +<p id="d0e346">Fitz-Roy heeft uitvoerig gesproken van hunne tooverdokters. In werkelijkheid kennen de Vuurlanders zulke personen niet; maar +er heerscht bij hen <span class="pageno"><a id="d0e348"></a>Bladzijde 103</span>eene gewoonte, waardoor het verhaal van den engelschen reiziger zijne verklaring vindt. + +</p> +<p id="d0e350">Wanneer een Vuurlander krank is, ondergaat hij geene andere behandeling—uitgenomen de verworging, als het uitgemaakt is dat +hij gaat sterven,—dan eene soort van massage, die hetzij op het hoofd, hetzij op de borst, hetzij op eenig ander lichaamsdeel +wordt toegepast, waar men onderstelt dat de ziekte schuilt. De personen, die bepaaldelijk met deze behandeling zijn belast, +worden <i>yakamouches</i> genoemd, en die titel gaat van vader op zoon over. Als de yakamouche bij een zieke geroepen wordt, hurkt hij bij den patiënt +neder, begint een woest, onzamenhangend gezang, met allerlei gelaatsvertrekkingen gepaard, en gaat dan tot de behandeling, +uit wrijven en knijpen bestaande, over, steeds schreeuwende en afschuwelijke gezichten trekkende. Van tijd tot tijd houdt +de yakamouche even op, om op den patiënt en dan op zijne eigene handen te blazen, die hij vervolgens boven het vuur heen en +weer schudt; eindelijk snijdt hij met een schelp of eenig ander scherp werktuig, een haarlok van den patiënt af, en werpt +dien in het vuur. Na die operatie is de zieke ongetwijfeld zeer vermoeid, maar toch verklaart hij doorgaans, zich beter te +gevoelen. + +</p> +<p id="d0e355">Ik kan mij zeer goed verklaren dat de reisgenooten van Fitz-Roy, en ook Fitz-Roy zelf, als zij bij toeval getuigen waren van +zulk een kuur, daarin eene werkelijke bezwering of betoovering hebben gemeend te zien, door een soort van toovenaar of duivelbanner +in praktijk gebracht. Toch kent men aan de yakamouches—waarvan er overigens in genoegzaam elke familie een gevonden wordt,—hoegenaamd +geen bovennatuurlijk vermogen toe. + +</p> +<p id="d0e357">De yakamouches zijn voor het meerendeel bejaard; toch hebben wij er enkelen gezien, die niet ouder konden zijn dan vijf-en-dertig +à veertig jaar; voor zoo ver ik heb kunnen nagaan, is er dus geen leeftijd bepaald voor het verkrijgen van deze waardigheid, +evenmin als daarvoor eene voorbereiding of inwijding gevorderd wordt. Daar Fitz-Roy hen altijd aan de spits der Vuurlanders +vond, wanneer dezen hem een of anderen poets bakten, heeft hij daaruit opgemaakt dat zij zeker gezag over hunne volksgenooten +uitoefenden. Maar ik voor mij geloof dat dit niet het geval is, en dat zij geen ander gezag bezitten dan wat hun toekomt als +hoofd van een gezin, hetgeen zij altijd zijn, daar de waardigheid of het ambt, zoo als men het noemen wil, eerst na den dood +des vaders op den oudsten zoon overgaat. Ook worden zij voor hunne diensten nooit betaald, hetgeen hen zeer stellig van de +toovenaars, die wij elders aantreffen, onderscheidt. Evenals alle anderen, leven zij van hetgeen de jacht en de visscherij +hun opleveren of van hetgeen zij op andere wijze kunnen machtig worden. + +</p> +<p id="d0e359">Ziedaar, in een beknopt overzicht, de kenmerkende trekken van de zeden en gewoonten der Vuurlanders, voor zoover zij in wilden +staat leven, buiten de engelsche missie aan het Beagle-kanaal. + +</p> +<p id="d0e361">Ik moot ook met een enkel woord gewagen van hun uiterlijk voorkomen. Zij zijn klein van gestalte: de mannen zijn gemiddeld +niet grooter dan één meter acht-en-vijftig, de vrouwen één meter acht-en-veertig. De kleur van hunne huid is licht geel; hunne +gelaatstrekken zijn zeer grof en ruw; maar daarentegen hebben zij zeer mooie bruine oogen, vol uitdrukking. Borst en dijen +zijn breed; de vrouwen zijn over het algemeen zwaarlijvig. De mannen dragen noch baard, noch knevels; met uitzondering van +hun hoofdhair, trekken zij alle hairen uit. + +</p> +<p id="d0e363">Zoo als ik reeds zeide, namen de inboorlingen in den beginne, tegenover ons, eene zeer groote mate van terughouding in acht. +Langzamerhand openbaarde zich meer toenadering en vertrouwen, zonder dat de inlanders daarom eenige verandering brachten in +hunne gewone levenswijze. Wel hadden zij de gewoonte aangenomen om, als wij aan tafel zaten, voor onze hutten te komen staan, +om de overgeschoten brokken te ontvangen, die zij op staanden voet opaten of anders medenamen in de door ons weggeworpen ledige +blikjes, die zij met dat doel hadden opgezameld; maar daarom hadden zij niet afgezien van de vischvangst of van het opzoeken +van schelpdieren bij lage zee. Hadden zij op die wijze een paar weken aan de Oranjebaai doorgebracht, dan kwam de oude trek +tot zwerven weer boven: zij verdwenen eensklaps, en wij zagen hen in geen maanden terug. Zoo wisselden onze buren telkens +af, hetgeen ook al niet bevorderlijk was aan het aanknoopen van nadere betrekkingen. + +</p> +<p id="d0e365">Eerst vele maanden na onze vestiging, en nadat wij ons een groot aantal woorden van hunne dagelijksche spreektaal hadden eigen +gemaakt, veranderde hunne houding tegenover ons en werden zij meer familiaar. Het getal onzer buren bedroeg in den regel dertig +of veertig, op een totaal van tusschen de drie- en vierhonderd eilanders, die ons afwisselend kwamen bezoeken. Daaronder waren +er nu ten slotte enkelen op wie wij rekenen konden voor het verrichten van een of ander werk: en dan nog moest dat niet te +dikwijls voorkomen en vooral niet te lang duren. Nooit maakten zij bedenking tegen het loon, dat bijna altijd uit eenige scheepsbeschuiten +of stukken brood bestond. Slechts een of twee hunner hebben wij ettelijke weken achtereen geregeld in onze dienst kunnen houden. +Als maatregel van voorzichtigheid, lieten wij nooit een inlander bij ons overnachten; zij moesten altijd des avonds naar hunne +hutten terugkeeren, die trouwens op korten afstand van onze barakken waren gelegen. + +</p> +<p id="d0e367">Het is inderdaad zonderling, dat ook de inlanders die dagelijks met ons verkeerden, er niet in slaagden ook maar een weinig +fransch te leeren: dikwijls genoeg was ik er getuige van, hoeveel moeite zij zich gaven om eenige woorden van onze taal te +onthouden: zij zeiden de woorden zeer goed na, maar eenige oogenblikken later, waren zij ze weer vergeten. Zij vroegen ons +alle dagen om brood, maar gebruikten daarbij altijd het engelsche woord <i>bread</i>. Ik geloof dat zij nooit meer dan twee fransche woorden hebben kunnen onthouden: <i>oui</i> en <span class="pageno"><a id="d0e375"></a>Bladzijde 104</span><i>chemise.</i> Hun voorraad engelsch is ook bijster gering, en bepaalt zich doorgaans tot vijftien of twintig woorden, die zij meer of minder +goed uitspreken. + +</p> +<p id="d0e379">Bij voorkeur richtten onze Vuurlanders hunne schreden naar ons laboratorium van natuurlijke historie; zij wisten dat men daar +op hun persoon allerlei waarnemingen deed, waartoe zij zich volgaarne leenden, in het vooruitzicht op eene belooning, wat +beschuit of andere spijze. Zij werden gemeten en betast; alle physiologische bijzonderheden in bouw en constructie werden +nauwkeurig onderzocht en opgeteekend; van de verschillende doelen van hun lichaam werden afdrukken in gips genomen. Ik heb +zelfs een Vuurlander, en wel den geduchten Athlinata, bijkans vier uren achtereen onbewegelijk zien stilstaan om een afdruk +te kunnen nemen van zijn geheelen persoon ten voeten uit. Dat de proef mislukte, was niet zijne schuld, maar alleen te wijten +aan de slechte kwaliteit der gips, die bedorven was. + +</p> +<p id="d0e381"></p> +<div id="d0e382" class="divFigure"> +<p class="legend"><img src="img/p1886-104.jpg" alt="Vuurlandsche vrouwen."></p> +<p class="figureHead">Vuurlandsche vrouwen.</p> +</div><p> + +</p> +<p id="d0e386">Eerst den twintigsten December 1882 kon het laboratorium in gebruik worden gesteld. Bij gemis van de noodige materialen had +men het grootendeels van planken van pakkisten moeten opslaan. Het stond op eenigen afstand van de andere barakken: daarom +konden wij den Vuurlanders, den geheelen dag door, vrijen toegang verleenen, zonder dat de goede orde in de missie daardoor +leed. Zij waren daar dus bijna geheel te huis, en kwamen en gingen bijkans naar dat het hun goeddacht. Hoewel zij er nooit +alleen werden gelaten, was hun aantal dikwijls zoo groot, dat werkelijk toezicht onmogelijk was: toch hebben zij nimmer iets +ontvreemd, ondanks hunne reputatie van dieven, die zij aan vroegere zeevaarders te danken hebben. + + + +</p> +<p id="d0e388">In den morgen van den eersten September 1883 werden de magnetische en meteorologische waarnemingen van de missie aan Kaap +Hoorn officieel geëindigd verklaard. Sedert de laatste dagen had men zich reeds onledig gehouden met het overbrengen van de +kisten en doozen, die onze collectiën bevatten, aan boord van de <i>Romanche</i>. Den derden verlieten wij aan boord van dat schip de Oranjebaai, waar wij een jaar hadden doorgebracht. Vier dagen later +kwamen wij te Punta Arénas in de straat van Magelhaens, van waar wij den twaalfden vertrokken, om zonder verder oponthoud +onze reis naar Frankrijk voort te zetten. Den elfden November wierp de <i>Romanche</i> het anker uit op de reede van Cherbourg, + + +</p> + + + + + + + +<pre> + + + + + +End of Project Gutenberg's Een Jaar aan Kaap Hoorn, by Door Doctor Hijades + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK EEN JAAR AAN KAAP HOORN *** + +***** This file should be named 15037-h.htm or 15037-h.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + https://www.gutenberg.org/1/5/0/3/15037/ + +Produced by Jeroen Hellingman and the PG Distributed Proofreaders Team + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +https://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at https://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at https://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit https://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including including checks, online payments and credit card +donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + https://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. + + +</pre> + +</body> +</html> diff --git a/15037-h/img/p1886-089.jpg b/15037-h/img/p1886-089.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..614dbb5 --- /dev/null +++ b/15037-h/img/p1886-089.jpg diff --git a/15037-h/img/p1886-092.jpg b/15037-h/img/p1886-092.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..0580eef --- /dev/null +++ b/15037-h/img/p1886-092.jpg diff --git a/15037-h/img/p1886-093.jpg b/15037-h/img/p1886-093.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..7629096 --- /dev/null +++ b/15037-h/img/p1886-093.jpg diff --git a/15037-h/img/p1886-096.jpg b/15037-h/img/p1886-096.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..5ff7ae2 --- /dev/null +++ b/15037-h/img/p1886-096.jpg diff --git a/15037-h/img/p1886-097.jpg b/15037-h/img/p1886-097.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..b3c66f4 --- /dev/null +++ b/15037-h/img/p1886-097.jpg diff --git a/15037-h/img/p1886-101.jpg b/15037-h/img/p1886-101.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..9d54135 --- /dev/null +++ b/15037-h/img/p1886-101.jpg diff --git a/15037-h/img/p1886-104.jpg b/15037-h/img/p1886-104.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..7987d5d --- /dev/null +++ b/15037-h/img/p1886-104.jpg diff --git a/15037-h/style/amazonia.css b/15037-h/style/amazonia.css new file mode 100644 index 0000000..f3a05a3 --- /dev/null +++ b/15037-h/style/amazonia.css @@ -0,0 +1,26 @@ +/* amazonia.css -- color scheme Amazonia, for use with Gutenberg stylesheet */ + +body +{ + background: #FFFFF5; /* #FFFFF5; very light green */ +} + +body, a.hidden +{ + color: black; +} + +h1, h2, h3, h4, h5, h6, .noteref, span.leftnote, p.legend, hr.noteseparator +{ + color: #880000; /* #880000; brownish red */ +} + +.navline, span.rightnote, span.pageno, span.lineno +{ + color: #808000; /* #808000; olive green */ +} + +a.navline:hover, a.hidden:hover, a.noteref:hover +{ + color: red; +} diff --git a/15037-h/style/arctic.css b/15037-h/style/arctic.css new file mode 100644 index 0000000..63bc14d --- /dev/null +++ b/15037-h/style/arctic.css @@ -0,0 +1,33 @@ +/* arctic.css -- color scheme Arctic, for use with Gutenberg stylesheet */ + +body +{ + background: #FFFFFF; + font-family: Times, serif; +} + +body, a.hidden +{ + color: black; +} + +h1, h2, h3, h4, h5, h6 +{ + color: #001FA4; + font-family: Arial, sans-serif; +} + +.figureHead, .noteref, span.leftnote, p.legend +{ + color: #001FA4; +} + +.navline, span.rightnote, span.pageno, span.lineno +{ + color: #AAAAAA; +} + +a.navline:hover, a.hidden:hover, a.noteref:hover +{ + color: red; +} diff --git a/15037-h/style/borneo.css b/15037-h/style/borneo.css new file mode 100644 index 0000000..51cc9bc --- /dev/null +++ b/15037-h/style/borneo.css @@ -0,0 +1,26 @@ +/* borneo.css -- color scheme Borneo, for use with Gutenberg stylesheet */ + +body +{ + background: #FFFFEE; /* #FFFFEE; light yellowish brown */ +} + +body, a.hidden +{ + color: black; +} + +h1, h2, h3, h4, h5, h6, .noteref, span.leftnote, p.legend +{ + color: #880000; /* #880000; brownish red */ +} + +.navline, span.rightnote, span.pageno +{ + color: #AC8D70; /* #AC8D70; sepia */ +} + +a.navline:hover, a.hidden:hover, a.noteref:hover +{ + color: #D25C00; /* #D25C00; orange brown */ +}
\ No newline at end of file diff --git a/15037-h/style/gutenberg.css b/15037-h/style/gutenberg.css new file mode 100644 index 0000000..ce7083f --- /dev/null +++ b/15037-h/style/gutenberg.css @@ -0,0 +1,387 @@ +/* + gutenberg.css --- A stylesheet for HTML in gutenberg HTML files + + Jeroen Hellingman + + This file is hereby irrevocably dedicated to the Public Domain. +*/ + + +/* +body - body of html page; define overall properties +*/ + +body +{ + line-height: 1.44em; + font-family: times, serif; + font-size: 1em; + font-weight: normal; + margin: 1.58em 16% 1.58em 16%; + width: auto; + letter-spacing: normal; + text-transform: none; + word-spacing: normal; + font-size-adjust: 0.58; +} + +/* title Page headers */ + +h2.docImprint, h1.docTitle, h2.byline, h2.docTitle +{ + text-align: center; +} + +h2.byline +{ + font-size: 1.14em; + line-height: 2em; + font-weight: normal; +} + +span.docAuthor +{ + font-size: 1.44em; + font-weight: bold; +} + +h2.docImprint +{ + font-size: 1.14em; + font-weight: normal; +} + +/* + +h1..h5 headers + +class + sub subtitle + +*/ + +h1 +{ + font-family: helvetica, sans-serif; + font-size: 2em; + font-style: normal; + font-weight: 600; + letter-spacing: normal; + text-decoration: none; + text-transform: none; + word-spacing: normal; + font-size-adjust: .4; + + line-height: 1.5em; + + margin-bottom: 0.33em; + margin-top: 1.33em; +} + +h2 +{ + font-family: helvetica, sans-serif; + font-size: 1.44em; + line-height: 1.2em; + +} + +h3 +{ + font-family: helvetica, sans-serif; + font-size: 1.2em; + line-height: 1.2em; +} + +h4 +{ + font-family: helvetica, sans-serif; + font-size: 1.0em; + font-weight: 400; + line-height: 1.0em; +} + +h5 +{ + font-family: helvetica, sans-serif; + font-size: 1.0em; + font-style: italic; + font-weight: 400; + line-height: 1.0em; +} + + +/* +p -- paragraph + +class + initial initial paragraph of chapter, i.e. no indentation + argument argument, the list of topics at the head of a chapter + note footnote + quote quoted material, like blockquote + stb small thematic break + mtb medium thematic break + ltb large thematic break + navline navigation line + figure figure, plate, illustration + legend legend with figure, plate, or other type of illustration +*/ + +p +{ + text-indent: 0em; +} + +p.poetry +{ + margin: 0em 10% 1.58em 10%; + /* font-style: italic; */ +} + +p.initial +{ + text-indent: 0em; +} + +p.argument, p.note +{ + text-indent: 0em; + font-size: 0.8em; + line-height: 1.2em; +} + +p.argument +{ + margin: 1.58em 10% 1.58em 10%; +} + +p.quote +{ + font-size: 0.9em; + line-height: 1.3em; + margin: 1.58em 5% 1.58em 5%; +} + +div.blockquote +{ + font-size: 0.9em; + line-height: 1.3em; + margin: 1.58em 5% 1.58em 5%; +} + +div.notetext +{ + font-size: 0.9em; + line-height: 1.3em; +} + +div.divFigure +{ + text-align: center; +} + +p.figureHead +{ + text-align: center; +} + +p.figure, p.legend +{ + text-align: center; +} + +p.legend +{ + font-size: 0.9em; + margin-top: 0; +} + +p.navline +{ + text-indent: 0em; + text-align: center; + font-size: 0.7em; + font-family: helvetica, sans-serif; + margin-top: 0em; + margin-bottom: 0em; +} + +p.smallprint, li.smallprint +{ + font-size: 0.8em; + line-height: 1.1em; + color: #666666; +} + +/* Special cases for Filipino Riddles */ + + +p.question +{ + text-align: left; + margin-bottom: 0em; +} + +p.answer +{ + text-align: right; + margin-top: 0em; +} + +p.explanation +{ + margin-left: 0.9em; + margin-right: 0.9em; + font-size: smaller; +} + + +/* +// span -- used for special effects in formatting. +// +// class +// leftnote note in the left margin +// rightnote note in the right margin +// pageno page number, inserted at location of original page break. +// +// Note that the positioning only works properly in IE 5.0. +*/ + +span.leftnote +{ + position:absolute; + left:1%; + height:0em; + width:14%; + font-size:0.8em; + text-indent: 0em; + line-height: 1.2em; +} + +span.rightnote, span.pageno +{ + position:absolute; + left:86%; + height:0em; + width:14%; + text-align:right; + text-indent:0em; + font-size:0.8em; + line-height: 1.2em; +} + +span.lineno +{ + position: absolute; + left: 12%; + height: 0em; + width: 12%; + text-align: right; + text-indent: 0em; + font-size: 0.6em; + line-height: 1em; + font-style: normal; +} + +.Greek +{ + font-family: Gentium, Arial Unicode MS, serif; /* font that supports classical Greek */ +} + +.Arabic +{ + font-family: Arial Unicode MS, sans-serif; /* font that supports Arabic */ +} + +.letterspaced +{ + letter-spacing: 0.2em; +} + +span.smallcaps +{ + font-variant: small-caps; +} + +/* +a -- anchor + +class + offsite + gloss glossary entry; should be less visible + noteref (foot) note reference. + hidden + navline +*/ + +a.navline +{ + text-decoration: none; +} + +a.navline:hover +{ + text-decoration: none; +} +a.hidden:hover +{ + text-decoration: none; +} +a.noteref:hover +{ + text-decoration: none; +} + +a.noteref +{ + text-decoration: none; + font-size: 0.7em; + vertical-align: super; +} + +a.hidden +{ + text-decoration: none; +} + +hr +{ + width: 100%; + height: 1px; + color: black; +} + +hr.noteseparator +{ + width: 25%; + height: 1px; + text-align: left; +} + +/* +// ol ul -- ordered list, unordered list +// +// class +// toc table of contents +*/ + + +/* +// li -- list item +// +// class +// toc_h1 table of contents h1 +// toc_h2 + +// table -- table +*/ + +table.navline +{ + font-size: 0.7em; + font-family: 'TITUS Cyberbit Basic', helvetica, sans-serif; + margin-top: 0em; + margin-bottom: 0em; + margin-top: 0em; + margin-bottom: 0em; +} diff --git a/15037-h/style/print.css b/15037-h/style/print.css new file mode 100644 index 0000000..764ba41 --- /dev/null +++ b/15037-h/style/print.css @@ -0,0 +1,36 @@ +/* + print.css --- A stylesheet for HTML in gutenberg HTML files, optimized for printing. + + Jeroen Hellingman + + This file is hereby irrevocably dedicated to the Public Domain. +*/ + +body +{ + font-family: Gentium, Times New Roman, serif; + margin: 12pt 1cm 12pt 1cm; + font-size: 11pt; +} + +h1, h2, h3, h4, h5 +{ + color: black; + font-family: Gentium, Times New Roman, serif; +} + +.figureHead, .noteref, span.leftnote, p.legend, .navline, span.rightnote, span.pageno, span.lineno +{ + color: black; +} + +a, a.navline:hover, a.hidden:hover, a.noteref:hover +{ + color: black; + text-decoration: none; +} + +span.pageno +{ + font-size: 6pt; +}
\ No newline at end of file diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt new file mode 100644 index 0000000..6312041 --- /dev/null +++ b/LICENSE.txt @@ -0,0 +1,11 @@ +This eBook, including all associated images, markup, improvements, +metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be +in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES. + +Procedures for determining public domain status are described in +the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org. + +No investigation has been made concerning possible copyrights in +jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize +this eBook outside of the United States should confirm copyright +status under the laws that apply to them. diff --git a/README.md b/README.md new file mode 100644 index 0000000..323ce8b --- /dev/null +++ b/README.md @@ -0,0 +1,2 @@ +Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for +eBook #15037 (https://www.gutenberg.org/ebooks/15037) |
