diff options
Diffstat (limited to '26349.txt')
| -rw-r--r-- | 26349.txt | 7387 |
1 files changed, 7387 insertions, 0 deletions
diff --git a/26349.txt b/26349.txt new file mode 100644 index 0000000..1df44af --- /dev/null +++ b/26349.txt @@ -0,0 +1,7387 @@ +The Project Gutenberg EBook of Vlaamsch Belgie sedert 1830, by Various + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: Vlaamsch Belgie sedert 1830 + Eerste Deel + +Author: Various + +Editor: Willems-fonds + +Release Date: August 18, 2008 [EBook #26349] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ASCII + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK VLAAMSCH BELGIE SEDERT 1830 *** + + + + +Produced by Frits Devos and Distributed Proofreaders Europe + + + + + + +VLAAMSCH BELGIE SEDERT 1830 + +UITGAVE VAN HET VICTOR DE HOON-FONDS + +Nr I + +Gent, drukkerij V. Van Doosselaere + +[Figuur: KAART DER TAALGRENS +IN BELGIE EN NOORD-FRANKRIJK] + +VLAAMSCH BELGIE + +sedert 1830 + +STUDIEN EN SCHETSEN BIJEENGEBRACHT +DOOR HET ALGEMEEN BESTUUR VAN HET +WILLEMS-FONDS TER GELEGENHEID VAN +HET JUBELJAAR 1905 + +EERSTE DEEL + +GENT + +BOEKHANDEL J. VUYLSTEKE + +Koestraat, 15 + +1905 + + + + +VOORREDE + + +In 1905 vierde Belgie de vijf-en-zeventigste verjaring van zijn inrichting +als zelfstandig rijk. Te dier gelegenheid heeft het Algemeen Bestuur van +het Willems-fonds besloten een boek te laten verschijnen, dat een trouw +beeld zou wezen van den toestand van Vlaamsch Belgie sedert 1830. + +Dit boek wordt uitgegeven op het fonds, dat den naam draagt van den +edeldenkenden man _Dr Victor De Hoon_, die door zijn milde giften en de +offervaardigheid zijner weduwe onze Instelling in staat stelt hare +werkzaamheden uit te breiden tot verheffing onzer Vlaamsche landgenooten. +Zoo is deze uitgave van het Victor De Hoon-fonds tevens een dankbare hulde, +gewijd aan de diep vereerde nagedachtenis van onzen onvergetelijken +weldoener[1]. + +De uiteenzetting van Vlaanderens toestand gedurende deze drie kwart eeuws +moet ons volk de oogen openen, het behoeden tegen lamlendigheid en verdere +vernedering, het wilskracht en zelfvertrouwen inboezemen, het sterken in +zijn gehechtheid aan stam en taal, in zijn liefde voor het vaderland. + +Nog een andere verklaring willen wij hier afleggen: + +Wij hebben er ons bij bepaald, den toestand van het Vlaamsche volk te +schetsen sedert 1830, geenszins omdat wij onze medeburgers uit het +Walenland willen afscheiden van hun Vlaamsche broeders. Zulk een scheiding +ware niet alleen schadelijk, maar leidt tot inwendige verdeeldheid, waar +alleen heil te wachten is van wederzijdsche waardeering en hartelijke +gezindheid. Sedert meer dan een halve eeuw wijdt het Willems-fonds zich +onverpoosd aan de zedelijke en stoffelijke opbeuring van 't Vlaamsche volk; +het wil zijn geest verlichten, het een dieper besef doen krijgen van zijn +nationaal zelfbestaan, van zijn plichten als mensch en als burger, tevens +medewerken tot een betere verhouding tusschen de beide stammen, waarbij +ieder zijn taal en eigenaardigheid behoudt, al zijn krachten ontplooien kan +in de richting, waarheen hij door zijn natuur en aanleg gedreven wordt. Wij +willen als zonen van hetzelfde land, als burgers van hetzelfde rijk, bij +gelijke plichten, gelijke rechten; niemand kan dien eisch ons euvel duiden. +De Vlaming moet dit willen op straffe van geestelijken dood. Daarom achten +wij het onzen plicht een soort van balans op te maken van winst en verlies +voor onzen stam in Belgie sedert 1830. + +Die toestand wordt geschetst in een dertigtal hoofdstukken door bekende +medewerkers en vakmannen, van welke ieder verantwoordelijk is voor zijn +eigen arbeid. + +Aan allen, die door hun gewaardeerde medewerking dit boek mogelijk +maakten, betuigen wij onzen oprechten en wel gemeenden dank. + +Moge het door ons volk gunstig ontvangen worden! + +Namens het Algemeen Bestuur + +van het Willems-fonds. + +_de Voorzitter:_ G. D. Mennaert, + +_de Secretaris:_ J. Vercoullie. + +Noten: + +[Noot 1: Achtereenvolgens ontving het Willems-fonds van wijlen Dr. +Victor De Hoon (St-Gillis-Brussel) in 1887: 50 fr.; in 1890: 600 fr.; in +1902: 3000 fr.; in 1903: 12000 fr, te zamen 15650 fr. -- Dr. Victor De +Hoon, geboren te Bassevelde in 1848 en overleden te Brussel den 11 November +1903, was de broeder van den Advocaat-generaal Hendrik De Hoon, te Brussel, +en de kleinzoon van Dr Judocus Frans De Hoon, een der eerste +Vlaamschgezinden en ernstige beoefenaars der Nederlandsche Letteren na +1830, wiens dochters huwden met dichter K. L. Ledeganck en Professor J. F. +J. Heremans en wiens zoon Adolf De Hoon (* te Veurne in 1903) als +Vlaamschgezind ingenieur zich ook verdienstelijk maakte. Geheel deze +familie is met hart en ziel aan de Vlaamsche Beweging verknocht.] + + + + +LIJST DER KAARTEN EN PLATEN + +die in dit boekdeel voorkomen + + Blz. + +Kaart der taalgrens in Belgie en Noord-Frankrijk III +Mammouth (Elephas Primigenius) gevonden te Lier in 1860 4 +Reliefkaart van Belgie 5 +Iguanodon gevonden te Bernissart in 1878 9 +De Schelde voor Antwerpen 16 +Romaansche Kloostergang te Tongeren 36 +Stadhuis te Leuven[2] 38 +St-Romboutskerk te Mechelen 39 +Doksaal van de St-Gommaarskerk te Lier 41 +Stadhuis te Brussel 43 +Paleis van Justitie te Brussel 44 +Lakenhalle, Belfort en Stadhuis te Gent[3] 47 +HUB. en JAN VAN EYCK. Aanbidding van het Lam Gods[4] 48 +Id. (vijf van de zeven bovenpaneelen) 50 +Id. (hoofdpaneel) 51 +Predikstoel van St-Baafskerk te Gent 49 +Stadhuis te Oudenaarde 52 +Groote Markt te Veurne 57 +Halletoren te Brugge 60 +Griffie, Stadhuis en H. Bloedkapel te Brugge 61 +P. P. RUBENS. Afdoening van het Kruis (O. L. Vr. kerk te + Antwerpen)[5] 65 +O. L. Vrouwenkerk te Antwerpen 67 +Standbeeld van Jacob van Artevelde te Gent 72 +Halle te Ieperen 73 +Keizer Karel V 74 +Marnix van St-Aldegonde 75 +Willem de Zwijger 76 +P. P. Rubens 79 +Jozef II 81 +Willem I 91 +A. R. Falck 93 +B. Schreuder 105 +J. R. Thorbecke 107 +C. F. van Maanen 115 +J. M. Schrant. 121 +Verwoesting van het huis van Libry-Bagnano in den nacht van + 25 tot 26 Augustus 1830[1] 151 +Gevecht in de Warande te Brussel (24 September 1830)[1] 173 +Voorloopig Bewind (schilderij van PICQUE)[1] 178 +Campenhout zingt de Brabanconne in het "Cafe Cantoni" + (schilderij van VAN HAMMEE)[1] 183 +La Brabanconne. Fac-simile van een handschrift uit de Koninklijke + Bibliotheek te Brussel[1] 184 +E. L. Baron Surlet de Chokier 188 +Zitting van het Nationaal Congres (24 November 1830)[1] 191 +Inhuldiging van Leopold I als Koning der Belgen te Brussel + (21 Juli 1831)[6] 212 +Leopold I 217 + +Het Algemeen Bestuur van het Willems-fonds drukt zijn oprechten dank uit +aan de _Touring Club de Belqique_, Groep Belgie van het _Algemeen +Nederlandsch Verbond_, de _Maatschappij van Geschied- en Oudheidkunde_ te +Gent en den heer _L. Van Neck_, die door het leveren van platen tot de +opluistering van dit boekdeel hebben bijgedragen. + +Noten: + +[Noot 2: _Bulletin officiel du Touring Club de Belgique_.] + +[Noot 3: _Algemeen Nederlandsch Verbond Groep Belgie_.] + +[Noot 4: _Inventaire archeologique de Gand_ uitgegeven door de +_Maatschappij van Geschied- en Oudheidkunde_ te Gent.] + +[Noot 5: _Algemeen Nederlandsch Verbond Groep Belgie_.] + +[Noot 6: L. Van Neck. _1830 Illustre_.] + + + + +INHOUD + + + BLZ. + +Voorrede V +Lijst der kaarten en platen die in dit boekdeel voorkomen IX +Belgie in vogelvlucht, door G. D. MINNAERT, + oud-paedagogisch bestuurder der stadsscholen te Gent 1 + De bodem: vorming en invloed op de bewoners 1 + Het land. -- Hoog en laag 5 + Ligging. -- Omvang. -- Klimaat 12 + Gebied van Maas en Schelde 14 + Natuurlijke landschappen 18 + Taal en volk 27 + Karakter der Vlamingen 30 + Algemeen overzicht der steden en monumenten 33 + Bibliographie 68 + +Een blik op de geschiedenis der Vlaamsche gewesten tot Waterloo, + door Dr PAUL FREDERICQ, hoogleeraar te Gent 69 + Bibliographie 84 + +De regeering van Koning Willem I, door Dr VICTOR FRIS, + leeraar aan het koninklijk atheneum te Gent 85 + Bibliographie 143 + +De Belgische omwenteling, door Dr VICTOR FRIS 145 + +De stichting van het koninkrijk Belgie, door Dr VICTOR FRIS 188 + Bibliographie van de twee laatste hoofdstukken 230 + + + + +BELGIE IN VOGELVLUCHT + +DOOR + +G. D. MINNAERT + + +De Bodem: Vorming en Invloed op de Bewoners + +Niets oefent zoo grooten invloed uit op de vorming van een volk, op zijn +wijze van leven, op zijn bedrijf en karakter, op zijn kunst en zijn taal, +dan de bodem, waarop het zich vestigt. Klimaat, vorm en ligging, hoogte en +laagte, geologische bouw, minerale voortbrengselen, richting en rijkdom van +water, nabijheid der zee, insnijding der kusten, duizenden betrekkingen van +grond, lucht en water, planten en dieren, heel de omringende natuur met +haar verschijnselen, haar duizenden vormen en kleuren, de eindelooze +wisseling van haar leven, dit alles grijpt voortdurend en diep in het +menschelijk organisme in, en bepaalt voor een groot deel het type en het +karakter, de ontwikkeling en de toekomst der bewoners. + +Maar ook die bodem ondergaat op zijn beurt den invloed van den mensch. Waar +zijn nasporende geest zijn natuur onderzoekt, ontsluiert hij hem zijn +duizendjarige verborgenheden, zijn schatten en krachten. Die kennis heeft +hem er toe geleid, om den grond naar zijn behoeften te plooien, zijn +heerschappij er over uit te breiden, zijn kracht van voortbrengen te +vermeerderen. + +De grond, dien wij ons vaderland noemen, getuigt van menigvuldige +omwentelingen, die zijn gedaante voortdurend hebben gewijzigd. Overal, in +steen en in zand, vinden wij daarvan de duidelijkste sporen, die elkeen, +bij een weinig nadenken, in staat stellen, zich min of meer een +voorstelling te vormen van die oude voorhistorische tijden. + +In dit verre, donker verleden -- hoeveel duizenden jaren liggen reeds +achter ons -- was een groot deel van Belgie, evenals Nederland en de heele +noordsche vlakte, door de wateren van den Oceaan overdekt. Het Waalsche +bergland, de keten der Ardennen en de noord-westelijke hoogten van +Duitschland vormden als een soort van schutsmuur tegen het verder +doordringen van den Oceaan. + +Aan de eene zijde stond die berggordel bloot aan het volhardend geweld der +baren, aan de andere zijde aan den sterken aandrang der gezwollen wateren +van rivier en beek, van gletscher en landijs, aan de verwoestende krachten +des tijds, aan regen en wind, aan hagel en vorst, aan gloeiende hitte en +strenge koude; aangegrepen en ontbonden door het scheikundig vermogen des +dampkrings, verweerd en verbrokkeld, uit- en inwendig afgeknaagd, +uitgespoeld en gesloopt door de oplossende kracht van het stroomende water, +alles mederukkend wat het op zijn tocht ontmoette: verweerd gesteente, +afgeknaagde rotsen, geslepen en gepolijst tot keien, verbrijzeld tot grint +en zand, tot leem en allerlei puin. Laag op laag van al dat meegevoerd puin +werd door de rivieren, vooral bij hun monding in den Oceaan neergeworpen. +Rijn[7], Maas en Schelde, die in een vorig tijdperk, vooral in den ijstijd, +een veel grootere kracht bezaten, veroorzaakt door overvloediger regen- en +sneeuwval, door grooten omvang van gletschers, die ons land met een dikke +ijskorst bedekten, als een gevolg van het koelere klimaat, werkten +onophoudelijk mede tot vorming van dien bodem door meerderen aanvoer van +grooter steenen en grover zand, tot ophooging en uitbreiding der beddingen. +Zoo werden de rivieren de scheppers van het land. Later werden die +aangeslibde gronden door onderaardsche werking opgeheven tot hun +tegenwoordige hoogte. + +In dit aardkundig tijdperk, dat de geleerden het _quaternaire_ of in meer +beperkten zin _diluvium_[8] noemen, had een groote omkeering plaats in het +klimaat onzer streken. Een groot deel van Europa werd met een dikke +ijskorst bedekt, waardoor groote veranderingen in de samenstelling en de +verdeeling van land en water ontstonden. + +De viervoetige dieren, die toenmaals het noorden bewoonden, verhuisden naar +zuidelijker streken; ook de vroegere plantengroei stierf weg onder de +strenge koude. Die voortdurende veranderingen, die de bodem van ons land +onderging, zijn zeker wel oorzaak, dat er van de menschen, die toen reeds +een deel van ons land bewoonden, zoo weinig sporen zijn overgebleven. In de +spelonken en grotten der kalkbergen langsheen de Maas en de Lesse, waarin +zij waarschijnlijk huisden, heeft men in onzen tijd, na duizenden jaren, +hun gebeente teruggevonden, alsmede allerlei wapenen en gereedschap van +vuursteen, als pijl- en lanspunten, bijlen, beitels en messen, zelfs +voorwerpen tot opschik, vervaardigd uit tanden van dieren, en dit alles +vermengd met scherven van gebakken aardewerk en de beenderen van den +holenbeer, het rendier en de hyena, van den mammoeth en andere dieren uit +de poolstreken afkomstig, maar welke gedurende den ijstijd onzen bodem +bewoonden. + +[Figuur: Mammoeth (Elephas Primigenius) gevonden te Lier in 1860 (L. +4,50 m., H. 3,25 m.)] + +Hoe lang de vorming van deze diluviale gronden met hun geplooide +opeengestapelde lagen voortduurde, valt niet te berekenen. Daarna +ontstonden de moderne formaties, de gronden van het _alluvium_[9] die nog +altijd gevormd werden, doch van het diluvium niet altijd te onderscheiden +zijn. Het begin van dit tijdperk is al vele duizenden jaren van ons +verwijderd. De toen op onzen bodem levende volken zijn zonder twijfel +getuige geweest van die geweldige omkeeringen, mogelijk gevolgd van een +hevigen strijd om bewoonbare streken, toen in noordelijke richting +uitgebreide oppervlakten verdwenen. + +Nog altijd duurt het strijden voort van zee en stroomen tegen het +vasteland, dat in den bewoner der lagere deelen met zijn geestkracht en +taai geduld een verdediger heeft gevonden. Slechts stap voor stap, en eerst +na eeuwen langen strijd behield deze hier op het water de bovenhand. Ook nu +nog, evenals in vroegere dagen, knagen water en dampkring gestadig aan de +vaste aardkorst, verwoesten en verweeren het hardste gesteente, lossen een +deel er van op en voeren het overige verre weg, om het op andere plaatsen +neer te leggen als vruchtbare aarde, valleien en vlakten er mee te +overdekken; nog immer groeien de humuslagen, de waterplanten in verbazend +groote getalen in vochtige en moerassige streken, die telken jare een +nieuwen groei boven de overblijfsels der afgestorvene stapelen, welke +allengs door verkoling, onder gedeeltelijke afsluiting der lucht, in turf +overgaan. + +Zulke turfbeddingen of veenlagen zijn als een geschiedboek van de +oppervlakte, die zij beslaan, niet zelden van de naast omliggende streek. +Dikwijls vindt men daarin beenderen, tanden of haarbossen van dieren uit +een vroeger tijdperk, die duizenden jaren geleden hier leefden en stierven. + + +Het Land. -- Hoog en Laag + +Ons land, zoowel in opzicht van aardrijkskunde als klimaat, behoort voor +een groot deel tot de noordsche vlakte, die zich uitstrekt van aan Kaap +Gris-nez, in Frankrijk, tot aan Rusland. In Belgie is de grenslijn van dit +uitgestrekte gebied scherp getrokken door de Noordzee en ten zuiden door +de hooggeplooide heuvels der Ardennen. + +Onze zeekust evenals die van Nederland, is overal laag en tegen het geweld +der baren beschut door een duinenrij, die zich uitstrekt van Kales tot aan +het Skagerrak. Bij deze jongste vorming van het alluvium, die +waarschijnlijk niet veel ouder zijn kan dan duizend jaren, is het de kracht +van den wind, die de belangrijke rol speelt in de wordingsgeschiedenis +onzer zeekust. + +Echter is die duingordel op sommige plaatsen onderbroken door overstrooming +of het geweld der hooge vloeden, zooals tusschen Wenduine en Heist. Op die +punten is de mensch, zooals we gezien hebben, tusschen beide en de natuur +te hulp gekomen. Al vroeg moest hij de kusten en rivieren door het maken +van dijken en het versterken der duinen beschutten; het zeewater +terugdringen, om zandbanken en aangeslibde gronden op den Oceaan te +veroveren; ook het binnenwater door het droogmaken van meren, moeren en +poelen binnen de noodige grenzen houden, en tevens den grond vruchtbaar +maken. Hoeveel strijd is hier niet gevoerd en hoe dikwijls is die niet +hervat, eer de mensch overwinnaar bleef. Twintig eeuwen duurt die kamp +onafgebroken voort, met evenveel moed en volharding, als vastberadenheid. + +Aangaande de hoogte van den bodem, onderscheiden wij in Belgie drie +bepaalde deelen, die, hoewel in elkander overgaande, toch duidelijk door +verschil van uiterlijk kenbaar zijn: het _hoogland_ of de Ardennen in het +zuid-oosten, tot aan de Samber en Maas, een lager _heuvelland_, dat er +onmiddellijk voor ligt, en het verder verwijderd _laagland_, ten +noord-westen, dat aan den zeekant door duinen wordt begrensd. + +I. -- De Ardennen vormen in ons land een bergmassa van nagenoeg 60 Km. +breedte; het zijn de oudste gronden van Belgie: zij bestaan grootendeels +uit lei- en kalksteen, of uit rotsen van het hardste graniet; zij bevatten +een rijkdom van mijnstoffen, vooral ijzer en lood, marmer en ander +gesteente. Door verweering en wegvoering van stroomend water zijn ze sedert +den tijd van hun bestaan reeds merkelijk lager geworden. + +Drie gordels van aanzienlijke heuvels, afgewisseld door schilderachtige +dalen, loopen min of meer evenwijdig aan elkander. De eerste, waarvan de +hoogste kruin de "_Baraque Michel_" is, een moerassige hoogvlakte of +hoogveen _(Hautes-Fagnes)_[10], verheft zich tot 674 M.; de daarop volgende +hoogste punten zijn de "_Baraque de Fraiture_" (626 M.) en _St.-Hubert_ +(549 M.). Een tweede gordel van minder belang, doch met den eersten +samenhangend, is ongeveer 20 Km. lang, terwijl de derde slechts een deel +van ons land, ten zuid-oosten van de twee voorgaande beslaat. Het hoogste +punt van deze twee stijgt niet boven de 537 M. + +Door spleten en kloven zijn de rivieren in deze bergreeks op verscheidene +plaatsen doorgedrongen, en hebben er hun beddingen dieper in uitgeslepen. +Een groote kloof, het Maasdal, van Fumay in Frankrijk tot aan Namen, +splitst haar in een westelijk en oostelijk deel, waarvan het eerste 286 M. +en het tweede 383 M. hoog is. + +Het eigenlijk bergland der Ardennen bevat bijna heel de provincie +Luksemburg, een kleine brok van Henegouwen en het grootste deel van de +provincien Namen en Luik. + +Een dicht en onafzienbaar woud _(Arduenna Sylva)_ overdekte ten tijde van +Julius Cesar, niet alleen een groot deel dezer bergstreek, maar zelfs van +Middel-Belgie. De boschrijke zoom, waar hij in de kleilaag verdween, maakte +naar alle waarschijnlijkheid de scheiding uit tusschen de oude Keltische +bewoners en de later invallende Germaansche, bepaaldelijk Frankische +stammen, die in ons land de plaats der verdwenen oudere bevolking kwamen +innemen, en zich vooral met landbouw bezighielden. + +II. -- Ten noorden van Samber en Maas begint Middel-Belgie, een zacht +glooiend land, dat naar de zeezijde ongevoelig afhelt. Zijn gemiddelde +hoogte is ongeveer 150 M. Een deel van Henegouwen, Zuid-Brabant, een klein +stuk der provincie Namen en een deel van de provincie Luik vormen +Middel-Belgie, waar de zacht golvende oppervlakte, de breede, ondiepe +dalen, die door een groot getal beken en rivieren worden bespoeld, de rijke +velden, afgewisseld door bosch en groene weiden, aan het landschap een zeer +bekoorlijk uitzicht geven. + +Middel-Belgie is bedekt met een zeer vruchtbare laag diluviale klei, die +door het water van de Ardennen is meegevoerd en Haspengouwsche klei _(limon +Hesbayen)_ wordt genoemd. + +In werkelijkheid maken de hoogere Ardennen en het heuvelland, dat er +onmiddellijk aan grenst, beide deel uit van de samenhangende bergformatie. +Inderdaad, het is voldoende, dat in Henegouwen en Zuid-Brabant de kleilaag +door overstrooming der rivieren gedeeltelijk wordt weggespoeld, om het +oudere gesteente van den ondergrond, die uit de bezinking der krijtzee[11], +als sporen van haar tijdelijk verblijf, als lei- en krijtlagen, hier zijn +overgebleven, alsook het arduin, porfier en andere minerale rijkdommen te +zien te voorschijn treden, welk gesteente op zijn beurt de +kolenbeddingen[12], die er onder bedolven liggen, overdekt. + +[Figuur: Iguanodon gevonden te Bernissart in 1878 (L. 10,50 m., H. +7,50 m.)] + +Het dichtbevolkte en goed bebouwde land, zoo druk door handel en door +nijverheid, vormde reeds voor den tijd der groote rijksbanen een zeer +geschikten weg tusschen de ruwe Ardennen en het toen moerassige +noord-westelijk lagere land. Geen wonder dat Middel-Belgie, zoo rijk aan +levensmiddelen, doortrokken werd door talrijke legers en er zoo menige slag +geleverd werd. Hier is een historische grond bij uitmuntendheid: bijna geen +klomp aarde, die niet omgewoeld is door oorlogstuig, niet doorweekt is van +het bloed van landgenoot en vreemdeling. + +III. -- Belgische Vlakte. -- Op Middel-Belgie volgt de eigenlijke vlakte, +die grootendeels uit de zee is bezonken. De bouw of samenhang van dien +grond wijzigt het uitzicht, naarmate de slib of klei, het zand of het +aangevloeide steengruis er overheerschen. De oostelijke helft is het +Kempenland, de streek van het diluvium, met zijn schrale zandige heide, +zijn mageren plantengroei, zijn venen en wouden van sparren en dennen. Te +midden van het stuifzand vindt men reeds talrijke oazen met welige akkers. + +De westelijke helft van de Belgische laagvlakte zijn de beide Vlaanderen, +die groote overeenkomst met Nederland vertoonen, ook wat de +grondgesteldheid aangaat. Van natuur is de bodem er niet overal vruchtbaar, +slechts een klein deel bestond uit klei, het overige uit zand, moeras, +laagveen en meren. Hoe verder men naar het noorden gaat, hoe meer de grond +vermagert. 't Is slechts ten prijze van inspannenden en langdurigen arbeid, +dat men er toe gekomen is hem te verbeteren, Vlaanderen in een vruchtbaar +land te herscheppen, waar land- en tuinbouw de heerlijkste opbrengsten +leveren. Indien het Land van Waas tegenwoordig den indruk maakt van een +grooten en volkrijken tuin, is het te danken aan een heele vervorming, de +vrucht van eeuwen arbeids. Zonder de stalen vlijt van een taai, volhardend +en geduldig ras, zou die magere grond een heide zijn, de voortzetting der +Kempen. + +Er is nog een ander deel van Vlaanderen, dat der polders en der dijken, het +jongste in aardkunde als in geschiedenis. Deze streek was in vroeger tijd +aan gedurige overstroomingen blootgesteld, en op vele plaatsen bedekt met +stilstaande poelen en moerassen, uit welker ondiepe kommen bies en riet, +naast wilg en esch en ander boomgewas in dichte boschjes opschoot. + +Een belangrijke factor in de wordingsgeschiedenis van Vlaanderen zijn de +zandafzettingen, die reeds in het diluviale tijdperk begonnen mede te +werken aan het vormen van zandbanken op eenigen afstand van de kust. De +zeevloed wierp daarna het zand met ander door de rivieren aangevoerde +stoffen uit zijn schoot omhoog en voerde het landwaarts in, eeuwen +achtereen, tot het werd een heuvelreeks, een duingordel, die de geheele +kust omzoomde, en langzaam glooiend in een breed, vlak strand overging, +meer geschikt voor de vestiging van bad- en visschersplaatsen dan voor +havensteden. Achter deze duinen lag het land met zijn veen- en moerasgrond, +thans in vruchtbare polders herschapen. + +Schelde, Lei en Dender, Rupel, Dijle en Demer hebben overal rivierklei +langs hun boorden neergelegd. Door middel dezer aanslibbingen van zee en +binnenwaters, bouwt de mensch zijn polders en zijn marken, zijn velden en +zijn weiden, omgeven door slooten, omzoomd met wilgen. + +Werken van den eenen kant de opbouwende krachten van zee en stroomen, van +den anderen kant zijn die zelfde waters door verzanden als ter dood +veroordeeld. Langs onze geheele zeekust kan men dit verschijnsel waarnemen, +vooral bij de monding der rivieren. Om slechts een voorbeeld te noemen, +wijzen wij op het Zwin, in de XIIIe eeuw nog een machtige zeearm, thans een +moerassige kreek. Doch niet alleen aan de monding, ook hooger op, hadden +verzandingen plaats, deels uit oorzaak der geringe snelheid van den stroom, +deels onder den invloed van sterke ebbe en vloed. Die verzanding heeft de +scheepvaart groote bezwaren in den weg gelegd. Belette die ongunstige +gesteldheid onzer kusten het ontstaan van zeehavens, ook de bloei van +belangrijke handelsplaatsen aan den benedenloop van rivieren werd sterk +bedreigd. + + +Ligging. -- Omvang. -- Klimaat + +Ligging. -- Belgie is het gedeelte van Europa, dat begrensd is door de +Noordzee, die het van Engeland scheidt en begrepen is tusschen Nederland, +Duitschland (Rijnsch Pruisen), het groothertogdom Luksemburg en Frankrijk. +Een natuurlijke grens heeft ons land alleen ten noord-westen in zijn 67 Km. +lange kustlijn, ten zuid-westen aan West-Vlaanderen door de Lei en ten +oosten aan Limburg door de Maas. + +Het strekt zich uit tusschen 49*,30 +3*,43 +meridiaan, dan ligt het tusschen 1*46 + +Ons land heeft nagenoeg den vorm van een rechthoekigen driehoek met een +omtrek van 1330 Km., waarvan 67 Km. kustlijn, 328 Km. ten noorden langsheen +de Nederlandsche grens, 321 Km. aan den oostkant, te weten 103 Km. voor +Nederland, 98 Km. voor Duitschland en 120 Km. voor 't groothertogdom +Luksemburg, terwijl de zuidelijke en westelijke grenslijn, die het van +Frankrijk scheidt, 614 Km. bedraagt. + +Omvang. -- De geheele oppervlakte van ons land is van 2.945,589 Ha., +nagenoeg drie millioen. De grootste afstand van het noorden naar het +zuiden, tusschen Hoogstraten en Chimay, is 170 Km., de grootste lengte van +Oostende tot aan Aarlen, meet 280 Km. In uitgestrektheid is het een der +kleinste landen van Europa. + +Klimaat. -- Het klimaat van Belgie, hoewel veranderlijk en vochtig, is over +het algemeen zacht en gematigd, en mag als een der gezondste van westelijk +Europa gerekend worden. In het hoogere bergland is het droger, scherper, +bestendiger en gezonder dan in het lager gedeelte of poldergewest; de lucht +is er ook zeer helder en zuiver. + +De gemiddelde warmtegraad is voor het geheele rijk ongeveer 10*,5 +is die der schoone Meidagen of van de zachte helft van October. De grootste +hitte, meestal bij het einde van Juli, klimt soms tot 35*, de strengste +koude, gewoonlijk na de eerste helft van Januari, daalt wel eens bij +uitzondering tot 20*c. beneden het vriespunt. + +De heerschende winden zijn die van het Z.W. en N.O. De eerste, die zich +vooral in den herfst doen gevoelen, brengen overvloediger regen en dikwijls +storm mee. Onze koude voorjaren worden veroorzaakt door de N.O. winden, die +in April en Mei de overhand hebben. In den zomer wordt de lucht voortdurend +ververscht door de van de zee waaiende winden, die de ongezonde +uitwasemingen verdrijven. Tijdens dit seizoen heeft het geheele laagland +van Veurne tot Maastricht een nagenoeg gelijkmatig klimaat. + +In Belgie regent het op de 365 dagen zoowat 190, dus meer dan de helft van +het jaar. Bleef al het regenwater staan, dan zou het den bodem van ons land +jaarlijks met een hoogte van ruim 700 m.m. bedekken. De jaarlijksche +neerslag bedraagt voor het westelijk gedeelte van 700 tot 800 m.m., terwijl +de hoeveelheid regen ten oosten van de Maas toeneemt met de hoogte van den +grond, waar zij soms tot 1200 m.m. beloopt. Het aantal heldere dagen is +hier niet groot. De maand September brengt gewoonlijk het bestendigste +mooie weder aan. + +In de bergstreek begint de winter vroeger en duurt hij ook het langst. Het +verschil voor de hoogste punten der Ardennen is gewoonlijk 3*c. lager dan +in Vlaanderen. Aan den oostkant is dus het klimaat meer _continentaal_, aan +de west- of zeezijde meer _maritiem_. + +De snelle afwisseling van warmte en koude, gevoegd bij de groote +vochtigheid, veroorzaken licht verkoudheid, borst- en keelziekte en +rhumatisme. De schadelijke uitwasemingen van gedempte poelen en moerassen +zijn oorzaak van koortsen. + + +Gebied van Maas en Schelde + +Bijna geheel Belgie behoort tot het gebied van twee stroomen en van een +zeerivier, de Maas, de Schelde en den IJzer. + +Geen van deze rivieren ontspringt in het land zelf; alle drie hebben hun +oorsprong in Frankrijk; de laatste alleen heeft haar monding in ons land. +Een klein hoekje van Zuid-Henegouwen en de oostelijke helft van Luksemburg +behooren tot een ander stroomgebied. + +In hun loop vertoonen onze hoofdrivieren een zekere overeenkomst. Beide +richten zich, zoodra ze Belgie binnenkomen, naar het noorden: de Maas tot +aan Namen, de Schelde tot aan Gent. Te Namen ontvangt de eerste de Samber, +welke bijrivier haar de richting aanwijst, die ze thans te volgen heeft. De +Lei valt te Gent in de Schelde, welke van hier mede naar het oosten loopt. +Later hernemen de beide stroomen hun weg naar het noorden, totdat ze Belgie +verlaten, om door Nederland in een westelijke richting naar de Noordzee te +vloeien. Uit oorzaak van de helling van den bodem ontvangen Maas en Schelde +hun meeste bijrivieren van de oostzijde. + +De Maas is de stroom van het bergland. Afkomstig van de hoogvlakte van +Langres, wordt zij reeds bevaarbaar te Verdun, breekt verder door de harde +rotskloof der Ardennen te Fumay, die ze uitdiept en verbreedt, en valt in +Belgie. Van hier tot boven Luik loopt zij schier gestadig in een rotsbed, +beboord met scherpe en steile hoogten van grauwe leisteen en van kalk, door +de lichtbruine kleur van ijzererts en andere aarde als 't ware verguld. + +Een menigte rivieren werpen zich in de Maas: rechts de Semoi, bekend om +haar verrukkelijke oevers, de Lesse, om haar schilderachtig dal en haar +beroemde grotten en holen, de Hoyoux en de veel bezochte Ourthe, die reeds +de Ambleve met haar mooien waterval en de Vesder heeft opgenomen; links de +Samber, de Mehaigne en de Jaar of Jeker. Van Luik tot Maastricht is een +kanaal langs de Maas gegraven, zoodat men er in geslaagd is, haar van Sedan +door heel haar loop bevaarbaar te maken. Bezuiden Maastricht, bij het dorp +Eisden, treedt de Maas op Nederlandsch grondgebied en vormt de +grensscheiding met Belgie, tot voorbij Maaseik, dat zij bespoelt, waarna ze +voor goed ons land verlaat, om zich bij den Briel in de Noordzee te werpen. + +De Schelde is de stroom van 't vlakke land en de belangrijkste van Belgie. +Haar geheele loop van aan Kamerijk, waar ze bevaarbaar is, tot aan haar +monding in de Noordzee, bedraagt ongeveer 430 Km., waarvan 107 in +Frankrijk, 233 in Belgie, de overige 90 in Nederland. + +Ontsprongen op een hoogvlakte van 110 M. ten noorden van St.-Quentin, +bespoelt ze achtereenvolgens Kamerijk, Valencijn en Conde in Frankrijk, +treedt even boven Antoing in Belgie, stroomt door de provincie Henegouwen +naar Oost-Vlaanderen. Van Doornik baant ze zich een weg door den rotsgrond, +strijkt verder door krijt- en kleilagen langs 't golvend heuvelland tot +voorbij Oudenaarde, om van hier als een breede glanzende streep te +kronkelen door de groene vlakte naar Gent, waar ze met verscheidene +belangrijke kanalen in gemeenschap is, met dat van Brugge, Zeebrugge en +Oostende door de Lei, met het groote zeekanaal van Terneuzen. Te Gent neemt +ze de Lei op, die haar stroom, in oostelijke richting stuwt tot voorbij +Dendermonde, om verder met een bocht zich naar 't noorden te wenden en als +scheidslijn te dienen tusschen het Land van Waas en de provincie Antwerpen. +Voor de stad van denzelfden naam vormt de Schelde een der schoonste havens +van Europa. Een groot gedeelte van zijn levenskracht is Belgie aan zijn +hoofdstroom verschuldigd. Zijn diepte en breedte is zoo groot, dat hij niet +alleen de reusachtigste stoombooten, maar zelfs de zwaarste oorlogsschepen +ontvangen kan. + +[Figuur: De Schelde voor Antwerpen] + +De Schelde dankt haar belangrijkheid aan den invloed der getijden. Ook in +den Rupel en zelfs in de drie bijrivieren, die hem vormen, de Nete (tot +Lier), de Dijle (tot Mechelen) en de Zenne (tot Vilvoorde) is de werking +van den vloed nog duidelijk waar te nemen. + +Te Antwerpen heeft de Schelde bij ebbe een breedte van 500 M.; de vloed +duurt er gemiddeld 5 u. 38 m. + +Kalm en rustig glijden al de bijrivieren door het vlakke land, om hun water +naar den hoofdstroom te brengen: de Hene, die haar naam schenkt aan de +provincie, de schilderachtige Lei, de Dender, de Durme en meer andere, +welke ieder op haren weg kleinere stroompjes hebben opgenomen. + +Is de aanblik van de breede Schelde indrukwekkend, deze wordt nog verhoogd +door het grootsche tooneel van beweging en leven, door de talrijke schepen +en stoombooten, die haren vloed doorklieven. + +Even voorbij Doel verlaat de Schelde ons grondgebied, splitst zich, drie +uren beneden Antwerpen, in twee armen, waarvan de zuidelijke, de Hont of +Wester-Schelde geheeten, voorbij Terneuzen en Vlissingen naar de Noordzee +loopt. De noordelijke arm of Ooster-Schelde, door een afdamming sedert 1868 +van haar tweelingzuster gescheiden, begint meer en meer te verzanden. + +De Scheldemonden bij Vlissingen en Zieriksee hebben een aanzienlijke diepte +(van 37 tot 40 M.) en een breedte, die afwisselt volgens ebbe en vloed van +4200 tot 4800 M. + +De Hont of Wester-Schelde, thans de groote handelsweg voor Antwerpen en +geheel Belgie, vormde in de middeleeuwen een uitgebreide delta, waardoor +bij storm en hoogen waterstand de gansche streek beneden Antwerpen, tot +zelfs een deel van 't Land van Waas, regelmatig onder water werd gezet. + +Van de XIe eeuw af begonnen de bewoners aan haar oevers de schorren of +aangeslibde gronden in te dijken. Sedert de XIIIe eeuw werden aldus, +volgens Em. De Laveleye[13], in Belgie alleen meer dan 50,000 Ha. +ingepolderd, en sedert 1815 bedraagt de aanwinst van grond reeds meer dan +8000 Ha. en nog is er meer land door indijking te winnen. + +Het waterveld tusschen Zeeuwsch-Vlaanderen, Zuid-Beveland en Walcheren, dat +als 't ware het voorplan is van het grootsche drama "den Strijd tusschen +Water en Land", werd in de tweede helft der XVIe eeuw, opnieuw het tooneel, +waar een nog bloediger strijd geleverd werd tegen de Spaansche dwingelandij +voor de vrijheid van het geweten. Liever dan hun land aan den +bloeddorstigen vijand prijs te geven, staken de inwoners de dijken door, en +vernielden op een dag het werk van vier eeuwen. Na de bevrijding van +Nederland begon men als van vorenafaan het water grenzen te stellen en riep +men de hulp in van de waterbouwkunde voor het droogmaken der gronden. + +De IJzer ontspringt in het Fransch Noorderdepartement, ten oosten van +St.-Omaars, stroomt als een zelfstandige rivier door West-Vlaanderen, +ontvangt de Ieperlee in de nabijheid, waar vroeger het fort Knokke zich +verhief, ten Z.W. van Diksmuide, en werpt zich na een loop van 78 Km., +waarvan 50 in Belgie, beneden Nieuwpoort in zee. Het nut van deze rivier, +niet alleen voor het drooghouden van den grond, maar ook voor de +scheepvaart, wordt verhoogd door verscheidene kanalen, dat van Loo, van +Veurne en van Plasschendale, die den loop van het rivierwater regelen en +deels de wateren onderling verbinden. + + +Natuurlijke Landschappen + +Behalve de negen provincien, waarin ons land bestuurlijk is verdeeld, bezit +het bepaalde streken, die hun eigenaardig karakter en ouden naam hebben +bewaard, welke zij aan de geschiedenis, aan hun ligging of grondgesteldheid +of wel aan hun uiterlijk danken. Hoewel soms bijna in elkander overgaande, +onderscheiden ze zich meestal door verschil van uitzicht, van rijkdom des +bodems of van daarmee gepaard gaande volksdichtheid. + +Hoog-Belgie + +In het hooge gedeelte van Belgie heeft men: + +I. -- De Ardennen. -- Zooals we gezien hebben beslaat deze bergstreek bijna +den heelen zuid-oosthoek van ons land, van de boorden der Semoi tot de +steile oevers der Maas, Ambleve en Vesder. Zij is een geliefkoosd verblijf +van toeristen en jagers. Nu eens stout en wild, dan liefelijk en zacht, met +heerlijke vergezichten, schilderachtige dalen, grillige rotspartijen, +bekroond met bouwvallen van oude kasteelen. Overal leven volkssagen van +overoude tijden onder het volk voort. Holen en grotten, evenals de +opgeheven steenen zijn als zoovele geheimzinnige gedenkteekenen van lang +verdwenen rassen. + +II. -- De Hooge Venen _(Hautes Fagnes)_ liggen tusschen de Ambleve en de +Vesder in het zuid-oosten der provincie Luik. Ze beslaan een oppervlakte +van 50 Km. lengte en 20 Km. breedte. Deze kruinen der Ardennen zijn licht +afgeronde vlakten, die nog het uitzicht hebben van een woeste en +maagdelijke natuur. De vochtige bodem, met zijn ondoordringbaren ondergrond +van klei, verkondigt de aanwezigheid van veen. Donkere bosschen en +heidevelden wisselen elkander af. Niets evenaart de sombere treurigheid +dezer streek. + +III. -- Klein-Provence of Belgisch Lorreinen. -- Deze bekoorlijke vallei +tusschen Aarlen en Virton, gevormd door de Semoi en beschut door de hooge +Ardennen, wordt aldus genoemd, om haar zacht klimaat, haar lachende heuvels +met weelderigen plantengroei. + +IV. -- De Famenne. -- Een bijzonder ondankbaar gewest van Luksemburg met de +kleine stad Marche als hoofdplaats. De schrale bodem is hier en daar bedekt +met magere roggevelden en pijnbosschen. + +V. -- De Condroz. -- Heel anders is het voorkomen van dit land, dat zich +uitstrekt over een deel der provincies Luik en Namen, tusschen de Ourthe en +Maas, ten zuiden van Hoei, en de Lesse. Het is aldus genoemd naar den +volksstam der Condruzen, die tijdens de Romeinen hier woonde. Het is een +koude, open vlakte, met breede golvingen, bijna zonder boombeschutting. + +VI. -- Tusschen Samber en Maas. -- Dit gedeelte van de provincie Namen +heeft, zoowel wat de gesteldheid van den grond betreft als de wijze om er +nut uit te trekken, veel overeenkomst met de Condroz. Sedert jaren is men +begonnen de bosschen, een overblijfsel van het groote kolenwoud _(Sylva +carbonaria)_, uit te roeien en door landerijen te vervangen. + +VII. -- Klein Zwitserland. -- Zoo noemt men het gedeelte van het Maasdal +tusschen Dinant en Namen, bekend om zijn verrukkelijke schoonheid. +Ingesloten tusschen de hooge schilderachtige rotsen, die langs de beide +oevers omhoog rijzen, kronkelt de heldere stroom voorbij marmergroeven, +prachtige bosschen, lachende tuinen en nijverige dorpen. Moeilijk kan men +een punt op den geheelen weg aanwijzen, dat den reiziger niet aantrekt en +boeit. + +Middel-Belgie + +VIII. -- Het land van Herve. -- Onder de landschappen van Middel-Belgie +noemen we eerst het land van Herve, in het noord-westen der provincie Luik, +tusschen den rechteroever der Maas en de Vesder. In het midden ligt de +kleine stad Herve, die haar naam geeft aan het oord, dat haar omringt. Het +is een lachend heuvelland, waar de veeteelt nagenoeg uitsluitend wordt +uitgeoefend. Boter- en kaasbereiding, evenals het inzamelen van het fruit +der rijke boomgaarden is de voornaamste bezigheid der inwoners. + +IX. -- Haspengouw. -- Dit rijk distrikt, in het land der oude Eburonen en +Tongeren, bevat een deel der provincies Luik, Namen en Brabant, langs den +linker oever van de Maas tusschen Luik, Hoei, Tongeren en Tienen. De stad +Borgworm (Waremme) ligt zoo wat in het midden van dit vruchtbare deel van +Belgie. Deze zoo wel bebouwde en dichtbevolkte streek is de minst +schilderachtige van het land; zij levert overvloedig koren, aardappelen en +beeten. + +X. -- De Borinage. -- Aldus noemt men een deel van het rijke kolengebied in +de omstreken van Bergen, ten zuiden van de rivier de Hene. Het bevat een +dertigtal gemeenten, die zich bijna uitsluitend bezighouden met de +ontginning der kolenmijnen. + +Het is hier de plaats om een woord te zeggen over het Belgisch kolengebied, +gevormd door een breede en diepe inzinking van den bodem, die Belgie +doorsnijdt van het noord-oosten naar het zuid-westen. Dit uitgestrekte +bekken met zijn opeengestapelde lagen, splitst zich, aan weerszijden van +Namen, in twee voorname beddingen, de eene loopende naar 't oosten, de +andere naar 't westen. + +De laatste, ook de belangrijkste, richt zich langs de vallei van de Samber +naar Charleroi, waar ze haar grootste ontwikkeling bereikt. Van hier loopen +de lagen ter breedte van nagenoeg twee mijlen naar Bergen, vervolgens over +de Fransche grens naar Dowaai. Ze hebben een uitgebreidheid van meer dan +90,000 Ha. + +Het oostelijk bekken volgt de vallei der Maas, terwijl het voortdurend +wijder wordt tot voorbij de stad Luik. Van hier zet het zich voort door +Hollandsch Limburg naar de Roer, met een sedert 1901 ontdekte vertakking in +de Belgische Kempen. De lengte van het ontgonnen bekken is 13 mijlen, +waarvan 11 in de provincie Luik. De gansche oppervlakte schat men op 4,400 +Ha. Het gansche kolendistrict in ons land bedraagt zoo wat het twintigste +van de oppervlakte van 't Rijk. 120,000 menschen vinden hun bestaan in den +kolenbergbouw, waarvan de voornaamste middelpunten zijn de _Borinage_, het +_Centrum_ in de omstreken van _Mariemont_ en _La Louviere_, dat van +_Charleroi_ en van _Luik_. De gezamenlijke opbrengst bedraagt jaarlijks +meer dan 200 millioen ton (1000 Kgr.), voor een waarde van ruim 2000 +millioen frank. Belgie is tegenwoordig het vijfde kolenland der aarde. De +dikte der lagen evenals de diepte van dit kolenbekken is zeer verschillend: +sommige dalen tot 1000 M. beneden de oppervlakte. + +In de nabijheid der kolenmijnen treft men gewoonlijk overvloedig ijzererts +aan, in de omstreken van Namen, Hoei en Luik, langsheen de oevers der +Maas, ook in de provincie Luksemburg. De geheele vallei van Samber en Maas, +tusschen Charleroi en Luik, is als bezaaid met hoogovens en ijzerfabrieken. + +Zink- en looderts vindt men meestal in dezelfde streken, de grootste +hoeveelheid langs de oevers van de Vesder aan de Pruisische grens, in het +onzijdig gebied van _Moresnet_, de bekende _Vieille Montagne_ of +_Altenberg_[14]. + +XI. -- Het Hageland in het noord-westen van Brabant, vroeger een deel van +de onvruchtbare Kempen, omzoomd en besproeid door de Dijle, de Demer en de +groote Gete, tusschen de steden Diest en Aarschot, Tienen en Leuven, is +thans in een vruchtbare gouw herschapen met malsche weiden, mooie +boomgaarden en vruchtbare velden. + +Belgische Vlakte + +XII. -- De Kempen. -- Hoe geheel anders dan de vruchtbare bodem van +Middel-Belgie is het voorkomen der zandige vlakte der Kempen, die zich over +een groot deel der provincies Antwerpen en Limburg uitstrekt. Eens was deze +streek het bed van een groote zee, vandaar dat deze vloedgrond den stempel +draagt der onvruchtbaarheid. Zij heeft een omvang van meer dan 200,000 Ha. +Haar gemiddelde hoogte bedraagt zoowat 15 M., terwijl haar toppunt in +Limburg 80 M. bereikt. Een diepe ernst ligt over de geheele vlakte, die het +gemoed beklemt, ondanks het plantenkleed, dat de natuur er over gespreid +heeft. De paarsche erica en de gele brem wisselen er af met schrale +jenever- en hulststruiken, berken en mastboomen. Waar het insijpelende +water niet weg kan vloeien, daar is de grond moerassig en vormen zich met +den afval der planten veen- of turfgronden. Elders treft men op een diepte +van 1 M. ongeveer, leem aan, dat, aan de oppervlakte gebracht en met zand +vermengd, een goeden bouwgrond oplevert. Duizenden hectaren schralen +heigrond heeft men aldus in vruchtbare beemden en akkers herschapen. + +In de 12e eeuw waren de Kempen nog weinig bevolkt; de monniken der abdijen +van Tongerloo, van Averbode en van Postel waren waarschijnlijk de eersten, +die het werk der ontginning begonnen, doch het is vooral sedert de +vereeniging met Nederland in 1815, dat men beproefde een beter gebruik van +den bodem te maken. Ook de Trappisten droegen in latere jaren krachtig bij, +om de woeste gronden te doen verminderen. + +XIII. -- Klein-Brabant ligt in den zuid-westhoek der provincie Antwerpen +tusschen de Schelde, den Rupel en de Zenne. Het is een vreedzaam en +verrukkelijk oord met een vruchtbaren klei- en zandgrond, die met zorg is +bewerkt en de kundige hand van den Vlaamschen landbouwer bewijst. + +XIV. -- Het Land van Aalst, aldus genoemd naar de stad, die er het +middelpunt van uitmaakt, is een vruchtbare kleistreek met malsche weiden, +waardoor de Dender kronkelt. Schoone velden met koren en koolzaad wisselen +af met voortreffelijke moestuinen; doch het is vooral bekend door de rijke +hopakkers. + +XV. -- Het Land van Waas. -- Indien dit heerlijk land, liggende aan den +linker oever der Schelde, tusschen Antwerpen en Gent en de vaart van +Terneuzen, tegenwoordig den indruk maakt van een grooten volkrijken +boomgaard, dan is dit alles de vrucht van eeuwen arbeids. Dit mooi gewest, +met zijn idyllisch voorkomen, met zijn rijke en vriendelijke landouwen, was +eenmaal een treurige zandwoestijn, de voortzetting der Antwerpsche Kempen. + +De vroege ontwikkeling der Vlaamsche steden met hun talrijke bevolking, +bracht de noodzakelijkheid mee, om het omliggende woeste land te maken tot +een der meest voortbrengende gewesten van Europa. Hoeveel arbeid en taai +geduld, hoeveel bedrevenheid en kunde is er noodig geweest, om uit die +dorre vlakte met poel en moeras, een waren lusthof te doen ontstaan! + +Nu zou men allicht denken, dat zulk een streek, waar de eene akker naast +den anderen als in een meetkundig mozaiek zich uitstrekt, van alle +bekoorlijkheid is ontbloot. Doch onze eenvoudige landman met zijn scheppend +vermogen bezat een diep gevoel voor natuurschoon, waardoor zoovele +Vlaamsche dichters en schilders bezield en in verrukking zijn gebracht. + +Lees _De Laveleye_[15], den ouden _Sanderus_[16], of den Florentijn +_Guicciardini_[17], of liever doorwandel het Waasland van Gent in welke +richting ook, alom bezaaid met volkrijke dorpen, en zeg of bij die kalme, +frissche natuur, onder het heerlijk lommer der boomen uw hart niet opengaat +van louter natuurgenot? Wat uw oog ontmoet, is slechts een kleur, maar in +een reeks van schakeeringen met een onvergelijkelijke bekoorlijkheid en +innige poezie! Hier leent de akkerbouw zijn nooit vermoeide hand aan de +kracht der natuur, om beide vereenigd, hun gouden horen des overvloeds uit +te storten. Met recht heeft men het Waasland genoemd "den tuin van Belgie." + +Andere deelen, niet minder lief en bevallig, vormen de lachende oevers der +Lei, met hun zacht bewogen vlasakkers, als het vleiend windje er over +strijkt, met hun weiden van groen fluweel, zoo teeder rustig en betooverend +schoon. Gaan we naar het zuidelijk deel, waar de bodem met zijn golving en +kleine verhevenheden, zooveel er toe bijdraagt, om de schoonheid nog te +verhoogen, dan genieten we overal van de verrukkelijke gezichtspunten, die +de ziel boeien en verheffen. Doch er is nog een ander Vlaanderen, dat van +het Meetjesland en dat der polders en dijken, het jongste in vorming als in +geschiedenis. + +XVI. -- Het Meetjesland herinnert door de gesteldheid van zijn mageren +bodem aan de Kempen, waartoe het vroeger behoorde. Het kenmerkt zich door +een zekere eentonigheid, door zijn boekweitvelden en sparreboschjes. + +Het strekt zich uit rondom de stad Eekloo en meer bepaaldelijk in de +richting van 't noord-oosten, tusschen de Lieve, de vaart van Schipdonk en +het kanaal Leopold, dat door het Polderland loopt. + +XVII. -- De Polders. -- Van Duinkerke langsheen de Noordzee tot aan de +monden der Schelde en verder waar ze zich vereenigt met den Rupel, de Durme +en den Dender, strekken zich lage kleivormingen uit, in vorige eeuwen door +den Oceaan bedekt, maar thans in voortbrengende gronden herschapen. Die +breede zoom van 10 tot 15 Km., door aanslibbing van zee en stroomen +neergelegd, is door de bewoners op de wateren veroverd, ingedijkt en +drooggemaakt, en eindelijk in vruchtbare _polders_ veranderd. Het water van +rivier of zee moest men eerst door afdammen terugdringen, het overtollige +binnenwater uit poel en moer verwijderen, daarna de gronden droogleggen +door een kunstmatig en met zorg onderhouden stelsel van afwatering, door +middel van slooten, ringgrachten en kanalen, die het naar de zee voeren; +want overal is water aanwezig: het borrelt en vloeit door de oppervlakte of +op een geringe diepte onder den grond. Heel dit ingewikkeld netwerk van +kleine wateren met zijn sluizen, dat, als een gedwee werktuig in de hand +van den mensch, dienen moet, om de kostbare oppervlakte te behoeden tegen +overstrooming of doorzijging van den ondergrond, draagt den naam van +_watering_. + +Op groote afstanden verheffen zich, als een weinig hooger liggend +wandelpad, bijna onmerkbare _dijken_, waaraan niet minder zorgen zijn +besteed, en die onze voorouders eeuwen arbeids en opofferingen hebben +gekost, niet enkel om ze te leggen, maar om ze te behoeden tegen de +herhaalde aanvallen der geduchte elementen. + +De polderstreek, die ten minste 80 Km. lang is, met een omvang van nagenoeg +100,000 Ha. in ons land, gaat van boven Antwerpen evenwijdig met de Schelde +over Zelzate en Damme, dan zuidelijk over Oudenburg naar Diksmuide en +Veurne. + +XVIII. -- Veurne-Ambacht. -- Het is onder dezen naam dat men de rijke gouw +aanduidt, die in den omtrek der steden Diksmuide en Veurne, zich voortzet +tot aan de Fransche grens, tusschen den IJzer en de duinen van de Noordzee. +Zij heeft een oppervlakte van 350 Km2. Op den aangeslibden grond groeit een +kort en stevig gras, dat door de zilte zeelucht gevoed, een krachtig +voedsel oplevert voor de paarden- en de veeteelt. Sedert meer dan drie +eeuwen geniet deze streek een welverdiende vermaardheid om haar +zuivelbereiding, waaraan zij ook het beste deel harer welvaart verschuldigd +is. + +XIV. -- De Duinen. -- Verlaten wij de groene vlakte, dan ontmoeten we ten +noorden den voet van den duingordel, die als een aaneenschakeling van +golvende zandheuvels met een gemiddelde hoogte van 10 M. en een +afwisselende breedte van 60 M. tot 3 Km. zich voortzetten langsheen de +zeekust. Die gansche duinwal schat men op 3000 Ha. Op sommige plaatsen +komen ze dieper in 't land te liggen, in breedere en smallere rijen, min of +meer evenwijdig met elkander, tusschen wier hoogten zich _pannen_ of kleine +dalen vormen. Nabij de dorpen Koksijde en de Panne liggen de hoogste +duintoppen, waarvan een, de Hooge Blekker, 32 M. bereikt. + +Deze aeolische vormingen zijn het eigendom der zee, de zandbanken, die de +hooge vloed uit haar schoot opwerpt boven het strand, waar de fijne, +beweeglijke zandkorrels spoedig op hun beurt de speelbal worden der +heerschende winden, die van den zeekant komen, en ze over de duintoppen +voortdurend het land injagen. + +Door beplanting met helmgras, duindoren en kruipwilg is men er in geslaagd +de duinen meer vastheid te geven. Merkwaardig is de rijkdom van water in de +duinen, zoodat men bij behoorlijke leiding sommige steden van uitstekend +drinkwater zou kunnen voorzien. + + +Taal en Volk + +Van de zeven millioen inwoners, die Belgie bewonen, zijn er vier millioen, +die behooren tot den Nederlandschen stam, en die, behalve een paar honderd +duizend, Nederlandsch spreken, terwijl slechts drie millioen het Waalsch of +Fransch als moedertaal gebruiken. + +De Belgische stammen, die voor meer dan twintig eeuwen ons land bewoonden, +waren Kelten, behoorende tot het ras, dat ook geheel Frankrijk bevolkte. +Naar alle waarschijnlijkheid waren deze voorafgegaan door een nog oudere +bevolking, wier overblijfselen men gevonden heeft in de grotten langs Maas +en Lesse, in de streken langs Hene, Schelde of Rupel. + +De Keltische stammen in 't zuiden van ons land en die met de Romeinen +steeds in aanraking waren, ondergingen meer en meer hun invloed. Weldra +doorsneden de heirbanen het bijna ondoordringbare kolenwoud. De Latijnsche +taal drong langzamerhand in het Keltische leven, waardoor het Waalsch is +ontstaan. Toch valt het niet te loochenen, dat ondanks zijn Romaansche +afkomst, het een groot getal Germaansche elementen in zich heeft opgenomen, +vooral het Luikerwaalsch. De oorzaak daarvan ligt waarschijnlijk in het +langdurig verblijf der Austrasische Franken in de omstreken der Maas. De +uitdrukkingen "Waal en Waalsch" zijn de benamingen door de Germanen aan de +Romanen gegeven. + +Sedert het Karolingische tijdvak heeft het Waalsch zijn grenzen weinig +veranderd. Wel is de naam van Luik oorspronkelijk Germaansch evenals +Herstal, maar dit is geen bewijs dat het Germaansch of Nederfrankisch +vroeger zuidelijker werd gesproken en het Waalsch vooruitgeschoven is. Daar +tegenover staan vele Waalsche namen van plaatsen, die altijd door een +Vlaamsche bevolking zijn bewoond geweest. + +Taalgrens. -- Trekt men van St.-Omaars in Frankrijk nagenoeg een rechte +lijn tot aan Maastricht, dan wijst deze vrij juist de taalgrens aan +tusschen de Nederlandsch sprekende en Waalsche bevolking, en komt nagenoeg +overeen met den Romeinschen steenweg van de zee over Bavaai naar Keulen en +den noordelijken zoom van het uitgestrekte Kolenwoud, dat Belgie in vroeger +tijden van het westen naar het oosten doorliep. Ten noorden van dien zoom +woonde de rustig landbouwende Frankische stam, waarvan de overgroote +meerderheid der Vlamingen afstamt. Soms in een en hetzelfde dorp maakt de +straatweg de scheiding tusschen het Waalsch en het Vlaamsch element. Eeuwen +reeds wonen de beide volksstammen naast elkander. Zij hebben hetzelfde lot +ondergaan, vreedzame en woelige tijden met elkander doorleefd, en toch +heeft dit alles niet geleid tot verwisseling van taal. + +In de eerste en tweede eeuw onzer jaartelling was het grootste deel van +laag-Belgie naar alle waarschijnlijkheid nog bewoond door Keltische +stammen, doch toen de Germanen van den beneden-Rijn in de vierde eeuw er +verschenen, waren de eersten verdwenen, misschien ten gevolge van zware +overstroomingen, die in de IIIe eeuw plaats hadden, en er bijna alle sporen +der Romeinen hadden weggevaagd. Wat er hier en daar wellicht van overbleef, +loste zich op in den Frankischen bond. + +Een ander Germaansche volksstam, de Friezen, had zich van uit het noorden +allengs langs de zeekusten uitgebreid tot voorbij de monding der Schelde, +tot het Zwin in Vlaanderen, doch waren door Pepijn van Herstal en Karel +Martel teruggedrongen. Toen later Karel de Groote talrijke familien van +Saksen in Vlaanderen overplaatste, versmolten zij spoedig met de Frankische +stammen. Laag-Belgie bleef dus Germaansch gebied en de taal door de +bevolking gesproken was zuiver Nederfrankisch. De oud-Germaansche liederen, +die Karel de Groote liet opteekenen, waren waarschijnlijk in dien +oud-Vlaamschen tongval geschreven. Van de laatste helft der XIIe eeuw +dagteekenen de eerste tot ons gekomen producten onzer Nederlandsche +Letterkunde, waartoe Limburgers, Vlamingen en Brabanders het meest +bijdroegen. Ze zijn in het Middelnederlandsch, de omgangstaal van de lage +landen, ten zuiden van den Rijn tot aan de grenzen van het groote Kolenwoud +in Belgie gesproken. + +In de XIIIe eeuw, te zamen met de toenemende macht der burgerij, bereikte +die letterkunde, vooral in Zuid-Nederland, haar hoogsten bloei. Jacob van +Maerlant van Damme (* omstreeks 1300), "de Vader der Dietscher Dichtre +algader", evenals de luimige zanger van het meesterlijk gedicht van "den +Vos Reinaerde" (1270), gaven uitdrukking aan de burgerlijke gedachten en +gevoelens van dien tijd. + +Het Nederlandsch in Belgie bevat vier dialecten: het zoetluidende +West-Vlaamsch, dat meer op de taal der middeleeuwen gelijkt, en dat ook in +Zeeland wordt gehoord; het Oost-Vlaamsch; het Brabantsch, dat in de Kempen +het zuiverst klinkt; het Limburgsch, dat in meer dan een opzicht het +Middelfrankisch nadert. Doch daarnaast is voor heel Vlaamsch-Belgie het +beschaafde Nederlandsch de schrijftaal, die ook met elken dag door den +ontwikkelden Vlaming zuiverder wordt gesproken en geschreven. Naast de +groote aantrekkelijkheid, die het verleidende Fransch hier op de menigte +uitoefent, is het hardnekkig doordrijven der taalparticularisten een groot +gevaar voor het behoud onzer taal. Hier geldt geen kinderlijke bewondering +en gehechtheid aan een gewestspraak, hoe zoet ze ook moge wezen, maar wel +de kracht, de eenheid van onzen stam. Daarom zorge men dat overal onze taal +zoo zuiver mogelijk worde gesproken en zich ontwikkele tot een rijk, +welluidend, helder en beschaafd Nederlandsch. + +Behalve in Nederland en in Vlaamsch-Belgie wordt het Nederlandsch in een +deel van het Noorder-departement in Frankrijk, in Zuid-Afrika en in de +Nederlandsche kolonien in Oost- en West-Indie gesproken, te zamen door +nagenoeg tien millioen menschen. + + +Karakter der Vlamingen + +Naast geest en gemoed, in hun eigenschappen en gebreken toonen de Vlamingen +zich de afstammelingen van hun Germaansche voorvaderen. + +Het beeld, dat Tacitus[18] van het karakter, de zeden en de gewoonten dier +oude Germanen heeft geteekend, maakt zeker geen ongunstigen indruk. Hun +rijzige, forsche gestalte, hun open gelaat, hun heldere blauwe oogen, de +rossig-blonde lokken, die over hun schouders golfden, hun onbevangen blik, +hun mannelijke houding, 't getuigde alles van fierheid en rustige kracht. +Hoewel ruw en onbeschaafd, waren ze niet wreed noch ongevoelig voor +zachtere indrukken. Hun zeden, vergeleken bij die der Romeinen, waren +eenvoudig en rein; hun huwelijkstrouw en eerbied voor den ouderdom en de +vrouw, hun kinderlijke openhartigheid waren algemeen bekend en staken +gunstig af bij het gelijktijdig zedenbederf der meer beschaafde Grieken en +Romeinen. Vrijheid was hun boven alles lief, gastvrijheid een kenmerk van +den Germaan; zelden werd een vreemdeling afgewezen of hem de toegang tot +het erf ontzegd. + +Jammer dat dit sterk gevoel voor vrijheid zoo dikwijls oversloeg in afkeer +voor gezag en tucht, in gebrek aan eensgezindheid, zelfs bij dreigend +gevaar. Belust op buit door krijg en veete, maakte hij zich dikwijls +schuldig aan misbruik van sterken drank; zijn verregaande hartstocht voor +het dobbelspel werd hem soms verderfelijk. Dronkenschap hebben helaas! zijn +nakomelingen van hem overgeerfd. + +Naast den man vertoont zich de Germaansche vrouw in een schooner licht: +haar ranke edele gestalte, haar kuische ingetogen blik, waaruit hare reine +inborst sprak, dwong eerbied af. Als eene trouwe gade stond zij haar +echtgenoot ter zijde. Niet alleen droeg ze zorg voor huis en have, maar +volgde hem dikwijls in den strijd, bracht hem lafenis en verkwikking, en +wist zijn moed en dapperheid aan te vuren. In de heldenzangen van dien +tijd, in de algemeene vereering, die zij later onder de Ridderschap genoot, +zien wij het bewijs van haar waardigheid en reinen glans. + +Ondanks al de lotwisselingen van het Vlaamsche volk in de verschillende +tijdperken van zijn bestaan, heeft het veel van zijn Germaansche vaderen +behouden. In de rechtstreeksche uiting van zijn verstand en gevoel ligt nog +altijd die zelfde vrijmoedigheid, die ruwe rondborstigheid, iets dat +getuigt van zorgelooze vroolijkheid, die zoo licht uitbundig wordt. Over +het algemeen is de Vlaming voorkomend, gezellig en deelnemend. Gaarne +vertoeft hij buitenshuis, en verheugt zich in vriendenkring; houdt daarbij +van boert en schalken spot. Van natuur is hij bijzonder muzikaal, kunst- en +prachtlievend. Toegevend en dienstvaardig voor vreemdelingen, is hij steeds +bereid, om zich aangenaam en nuttig te maken. Evenals zijn Waalsche +landgenooten, is hij gastvrij; zonder omslag of plichtplegingen wordt ge +vriendelijk ontvangen. Op den buiten begroeten de landlieden u met een +hartelijken "goeien dag." De Vlaming heeft niet die nuchterheid van +verstand, niet die koele terughouding, maar ook niet die taaie wilskracht +en volharding, dien zedelijken ernst, die het kenmerk is van zijn +Noorderbroeder. Een warmer opbruisend bloed maakt hem beweeglijker, +geestdriftiger en zet zijn hart gauwer in gloed. + +Doch laten we liever het woord aan Prof. H. Kern[19], waar hij zijn oordeel +over ons aldus neerschrijft: + +"De Zuid-Nederlanders: Vlamingen, Brabanders, Antwerpenaars, hebben veel +karaktertrekken met hun stamgenooten in 't Noorden gemeen. Ze zijn even +vrijheidslievend, en overschrijden even licht de grens, die vrijheid van +bandeloosheid scheidt. Zij zijn minder stijf en stroef in den omgang, +levendiger, rumoeriger; minder bezadigd en lichter geraakt; minder +peuterig, minder omslachtig en minder zwaartillend, doch ook minder +nauwgezet; handiger, meer artistiek van aanleg, meer gesteld op uiterlijke +praal, niet vrij van ijdelheid. Zonder zeer hartstochtelijk te zijn, +geraken ze toch eerder in vuur. Daar zij minder zwaartillend zijn, zien zij +er minder tegen op het initiatief te nemen." + +Kan dit oordeel van den grooten Nederlandschen geleerde als de lichtzijde +van ons karakter gelden, ook op de schaduw er van behooren wij te wijzen; +en in de eerste plaats op het gebrek aan geloof in ons zelven, ons zwak +gevoel van eigenwaarde, onze geringschatting voor eigen taal. Onze +vaderlandsliefde is alleen nog verpersoonlijkt in onze historische +monumenten en kunstschatten, in onze gehechtheid aan veel wat van den roem +van het voorgeslacht tot onze zinnen spreekt. Na de verschrikkelijke crisis +der zestiende-eeuwsche beroerten, die ons van het puik onzer bevolking +beroofde, heeft een geest van verslapping, van lamlendigheid en +onverschilligheid zich langzamerhand van ons meester gemaakt. En wat werd +er toen van het vroeger zoo fiere Vlaamsche volk, bestemd voor de +heerlijkste toekomst? Verlaten door de krachtige leiders, de edelste zonen +van onzen stam, die bij duizenden en tien duizenden de wijk naar het +Noorden hadden genomen, lieten wij onzen geest meer en meer verkwezelen, +zonken in armoede en machteloosheid weg, om gedurende bijna drie eeuwen +overgeleverd aan vreemde willekeur en geweld, uit de rij der natien te +worden weggevaagd. Bloed en zweet mochten wij ten offer brengen voor +belangen, die ons heelemaal vreemd waren. Ziedaar het loon van eigen +dwaasheid en verblinding, het lot, dat alleen de standvastigheid onzer +Vaderen van ons had afgewend. + +De vereeniging met Nederland in 1815 schonk den Vlaming de gelegenheid de +zware fout der XVIe eeuw te herstellen, alles bezittend wat noodig was, om +een bloeienden, rijken Staat te vormen. Helaas! uit de school der +beproeving was hij even arm aan wilskracht, aan zelfbeheersching te +voorschijn getreden. Opnieuw liet hij zich eerst door een opruiende +geestelijkheid, dan door de oproermakende Walen verleiden, om tegen zijn +eigen taal te protesteeren, met de vijanden van zijn stam te heulen en de +hereeniging plotseling te verbreken, die door stijgende welvaart en +voorspoed zooveel van zich verwachten liet en een voorwerp was geworden van +bewondering, maar ook van afgunst voor anderen. Opnieuw scheidde hij zich +af van zijn Noorderbroeders, om zich te krommen onder het juk van Waalsche +bureaucratie, en een langen lijdensweg op te gaan van geestelijke +verstomping en stoffelijken achteruitgang, van miskenning zijner heiligste +rechten. + +Wat zou er in die drie vierden van een eeuw van ons volk zijn geworden +zonder de Vlaamsche Beweging, die weinig jaren na de Omwenteling van 1830 +zich reeds deed gevoelen; zonder de toewijding der trouwste zonen van 't +Land, die steeds voor de verwaarloosde stamgenooten in de bres sprongen, om +hun miskende rechten met moed en klem te verdedigen, en aldus machtig +bijdroegen tot Vlaanderens zedelijke herleving? Zal ons volk dien weg +blijven opgaan? Zal het hem mogelijk zijn met de aanmoedigende leeringen en +voorbeelden van het verleden voor oogen, tot een betere toekomst te +geraken, zijn vorige kracht en glorie te herwinnen? Dat zal in de eerste +plaats afhangen van ons zelven, van onze geestkracht en toewijding, van den +adel onzer handelingen, van ons gemeenschappelijk gevoel en eensgezindheid. +In het heden ligt wat worden zal! + + +Algemeen overzicht der Steden en Monumenten + +Vlaamsch-Belgie is een historisch gewest bij uitmuntendheid. Weinig +landstreken bezitten zooveel geschiedkundige herinneringen, zooveel fraaie +steden, zooveel natuurschoon en kunstschatten, zooveel bekoring voor hart +en geest. Al vroeg werd het een machtig midden van druk verkeer, van +handel en nijverheid, een soort van onafzienbaar marktplein, waar Noord en +Zuid, de kooplieden van Engeland, Frankrijk en Italie, de Venetiaansche en +Hanzeatische zeelieden elkander ontmoetten. De vreemdelingen, die onze +landstreek bezochten, stonden verbaasd over de talrijke bevolking, die zich +overal verdrong. In de XIVe en XVe eeuw wekten onze steden de bewondering +van gansch Europa. Hun oude luister is thans verdwenen of sterk afgenomen; +sommige zijn schier uitgestorven, doch andere hebben zich uit den staat van +verval tot welvaart en bloei weer opgewerkt, om tot haar vorige glorie +terug te keeren. Er is bijna geen stad, die niet een of ander roemrijk feit +te vertellen weet; zelfs de doode steden met hun ruime pleinen en markten, +geschikt voor volksvergaderingen, roepen menige merkwaardige gebeurtenis +voor den geest. In dezen tijd wordt er oneindig veel gedaan voor het behoud +dier eerwaardige monumenten en voor de kunst in 't algemeen. Geen kerk of +raadhuis of welk ander belangrijk gebouw, of het wordt met zorg hersteld, +om de schade of den wansmaak, door vandalisme aangebracht, te doen +verdwijnen. Dit is een gevolg van den eerbied, dien de Belg in 't algemeen +gevoelt voor de overblijfselen van zijn verleden, van zijn dankbaarheid +voor 't roemrijk voorgeslacht. De prachtige kathedralen met hun hooge +torens, de rijkversierde raad- en gildehuizen, de zware steenen belforten +en uitgestrekte hallen, zijn het niet als zoovele sprekende getuigen van +zijn kunst- en godsdienstzin, van de macht en den rijkdom onzer steden? Elk +van hen stelde er een eer in, haar schepenhuis te bouwen naar een eigen +zelfstandig plan. Het is als burger van een stad, als lid van de eene of +andere gilde, dat de Belg bewust is van zijn gehechtheid aan zijn land. + +De eerste groote steden, die de reiziger ontmoet als hij, komende uit +Duitschland, de Belgische grens overschrijdt, zijn het nijverige Verviers +(52,500 inw.) met talrijke laken- en wolfabrieken, en Luik (171,000 inw.), +het middelpunt der steenkool- en ijzerindustrie, en in bevolking de derde +stad van 't rijk. De omstreken nemen een belangrijk deel aan haar groote +bedrijvigheid, o. a. Seraing (40,000 inw.), met zijn grootsche inrichtingen +en machtige ijzerfabrieken, evenals zijn kristal- en glasblazerijen van +_Val St-Lambert_. Die ontzaglijke metaal-industrie, waarvan de gebroeders +_Cockerill_ de scheppers waren, dankt ons land aan koning Willem I, die hun +het domein, het vroegere zomerverblijf der prins-bisschoppen van Luik, voor +dit doel afstond (1817). In 1821 trad te Seraing de eerste hoogoven in +werking, die de stuwkracht werd onzer ijzerindustrie, welke in onzen tijd +zulke ontzettende uitbreiding heeft genomen. + +Spoedig verlaten we het Waalsch gebied. Ten noorden in de provincie Limburg +liggen de oude Vlaamsche steden Tongeren en St.-Truiden, verder Hasselt en +Maaseik. Tongeren (9,000 inw.) ontleent zijn naam aan den Germaanschen +volksstam, die zich hier kwam vestigen op de plaats der Aduatieken en +Eburonen, die Caesar had doen uitroeien. Het standbeeld van Ambiorix op de +Markt herinnert ons aan een der glorierijkste feiten van het begin onzer +geschiedenis. Evenals Tongeren had St.-Truiden (13,700 inw.) veel te lijden +en werd herhaaldelijk verwoest. Men beweert dat zij de geboorteplaats is +van _Gerhard van Rile_, den eersten bouwmeester der statige domkerk te +Keulen, dit onvolprezen meesterstuk der middeleeuwsche bouwkunst. Hasselt +(15,000 inw.), de hoofdstad der provincie, is bekend om haar stokerijen, +terwijl Maaseik (4,700 inw.) doorgaat voor de geboorteplaats van de twee +beroemde broeders _Hubert_ en _Jan Van Eyck_, de stichters der Vlaamsche +schildersschool in de XVe eeuw. + +Intusschen zetten we onze reis voort over Tienen naar Leuven. De eerste +(17,700 inw.) is een voorbeeld van netheid, met suiker- en ijzerfabrieken +en een zeer bezochte graan- en veemarkt. In 1213, bij den inval van den +prins-bisschop van Luik, werd de stad ten gronde vernield, benevens 32 +dorpen en andere steden, waaronder Zoutleeuw, welks oud stadhuis en kerk, +maar vooral haar keurig tabernakel als een wonder van bevalligheid zijn +bekend. De kerk van Zoutleeuw is de eenige, die in de 16e eeuw door de +beeldstormers niet werd verwoest; zij geeft alleen een beeld van hetgeen +onze bedehuizen waren voor de kerkhervorming. + +[Figuur: Romaansche Kloostergang te Tongeren] + +Ten noord-oosten van 't Hageland liggen de steden Diest (8,900 inw.) en +Aarschot (7,000 inw.). Diest met een rijk archief van merkwaardige +oorkonden der XIIIe eeuw, hield in den strijd tegen Spanje het langs de +zijde van Willem den Zwijger. In de kerk van St.-Sulpicius rust Oranje's +oudste zoon Filips (*1618). + +Thans vraagt Leuven onze aandacht, de voormalige rijke hoofdstad van het +hertogdom Brabant, gedaald tot den rang van gewone provinciestad. Gelegen +aan de Dijle, waar keizer Arnold in 892 de Noormannen een geduchte +nederlaag bracht, telde de stad in de XIVe eeuw niet minder dan 4000 +weefgetouwen voor het vervaardigen van laken, en een bevolking, beweert +men, van 80,000 zielen, nu slechts 42,000. Inwendige onlusten tusschen +edelen en ambachtslieden, woeste partijschap en burgerkrijg deden haar +nijverheid ten onderen gaan. Hertog Jan IV, een bevorderaar van letteren en +wetenschap, trachtte de stad voor dit verlies schadeloos te stellen, en +begiftigde haar in 1426 met een hoogeschool, een eeuw later een der meest +bezochte van gansch Europa. Een groot getal beroemde mannen: Erasmus, +Justus Lipsius, Paus Adriaan VI van Utrecht werden er gevormd. + +Vervallen van haar vroegere grootheid, bezit ze nog belangrijke fabrieken +en brouwerijen, alsook een goed bezochte Kath. Vrije Universiteit, gesticht +in 1834. Het stadhuis is een juweel en een der schoonste monumenten van +Belgie. Dit meesterstuk van den Leuvenschen bouwmeester Matheus Layens, +begonnen in 1448 en voltooid in 1463, oefent door zijn bevallige +evenredigheden en zijn rijkdom van versiering een blijvende bekoring uit. +In die steenen geciseleerde rijve heeft de burgerlijke gothiek haar toppunt +van kunst bereikt. De St.-Pieterskerk van den Diestenaar _Sulpicius van +Vorst_, met haar grootsch portaal en statigen middelbeuk, bezit een schat +van schilderijen en beeldhouwwerken. + +[Figuur: Stadhuis van Leuven _(Bulletin officiel du Touring Club de +Belgique)_] + +Halverwege tusschen Leuven en Antwerpen ligt Mechelen aan de Dijle. In de +Middeleeuwen telde deze stad 12,000 lakenwevers, en voorzag de Nederlanden +met haar voorwerpen van metaal en met haar klokken; haar goudlederen +behangsels waren heinde en ver bekend en haar kanten zijn nog overal +beroemd. Mechelen telt heden 56,000 inw. Het is de zetel van het +rijksarsenaal voor den bouw en de herstelling van het materieel der +spoorwegen; zijn meubelfabrieken, tapijten en gobelins, zijn mis- en +kerkboeken worden veel gevraagd. Tijdens Margareta van Oostenrijk en Karel +V, en later in de godsdienstige woelingen der XVIe eeuw heeft Mechelen een +belangrijke rol gespeeld. Sedert Filips II is het de zetel van den +aartsbisschop, primaat van Belgie. Behalve nog een groot getal mooie +huizen, bezit de stad in haar St.-Rombouts-kathedraal, een der schoonste en +rijkste kerken. Haar zware toren, niet ongelijk aan een gebeitelde +granietrots, is het werk van den beroemden bouwmeester _Rombout +Keldermans_. Begonnen in 1452, bereikte hij zijn tegenwoordige hoogte +(97m30) in 1515; hij bevat een der welluidendste beiaarden van 't land. +Onder de vele groote mannen, die Mechelen heeft voortgebracht, noemen we +slechts _Rembert Dodoens_, den beroemden kruidkundige, die tijdens de 16e +eeuw de wijk naar Holland moest nemen. + +[Figuur: St-Romboutskerk te Mechelen] + +Noord-oostelijk van Mechelen ligt Lier (22,300 inw.) aan den samenvloed der +beide Neten. In de IXe eeuw werd zij door de Noormannen geplunderd en +verwoest. Zij bezit een der prachtigste kapittelkerken van Belgie met een +keurig gebeiteld doksaal. Het is de geboorteplaats van den Nederlandschen +schrijver _Anton Bergmann_ en van kanunnik _J. B. David_, professor te +Leuven. + +Te midden der Kempen ligt Turnhout (20,600 inw.) met fabrieken van linnen, +meubelpapier en speelkaarten, kantwerk en andere nijverheden. In 1789 +overwonnen er de Brabantsche patriotten, onder generaal Van der Meersch, +het Oostenrijksche leger. + +Langs de spoorlijn Leuven-Brussel zijn we thans de prachtige hoofdstad van +Belgie, den zetel van 's lands regeering, genaderd. + +Brussel telt 184,000 inw., met haar mooie voorsteden _Laken_(koninklijke +verblijfplaats), _Schaarbeek, St.-Joost-ten-Oode, Etterbeek, Elsene, +St.-Gillis, Anderlecht, St.-Jans-Molenbeek_ en _Ukkel_ meer dan een half +millioen. Gelegen deels in de Vlaamsche laagvlakte, deels nabij het +opklimmende heuvelland, het Waalsche gewest, is zij in meer dan een opzicht +het echte centrum des lands. In de nieuw gebouwde bovenstad met het +heerlijk park, haar vorstelijke woningen en paleizen, spreidt zich rijkdom +en weelde ten toon: daar heerscht de Fransche taal. In de benedenstad, het +oudere Vlaamsche deel, tevens het middelpunt van arbeid en nijverheid, +spreekt het volk vrij algemeen Vlaamsch. Nog onder de Oostenrijksche +regeering, op het einde der XVIIIe eeuw, werden meestal de akten te Brussel +in het Vlaamsch opgesteld. + +Het valt niet te loochenen, dat de gegoede burger van Brussel, evenals die +van andere Vlaamsche steden meer en meer verfranscht is; de hoogere standen +en de adel waren het sinds geruimen tijd; doch van den anderen kant is het +Nederlandsche stambewustzijn bij een groot deel der bevolking levendiger +geworden, en is het Vlaamsch in kracht, samenhang en waardigheid +vooruitgegaan. + +[Figuur: Doksaal van de St-Gommaarskerk te Lier] + +[Figuur: Stadhuis te Brussel] + +Door haar aangename ligging, door haar inrichtingen op allerlei gebied, +haar kunstschatten en nijverheid is zij een der schoonste hoofdsteden der +wereld. Bij het binnenkomen valt onmiddellijk de mooi gelegen Kruidtuin in +het oog; verder op, in het midden der Koningstraat, heeft men de hooge +Congreskolom, waar een heerlijk panorama van de geheele benedenstad zich +ontrolt. Onuitwischbaar is de indruk van dit prachtig tafereel met de +grootsche Goedelekerk en den slanken St.-Michielstoren van 't stadhuis. +Langsheen de Wetstraat zijn de Ministeries en de Wetgevende Kamers, alsook +de Warande of het Park met zijn herinneringen aan 1830; aan de overzijde +staat het Koninklijk Paleis, het ruiterstandbeeld van Godfried van +Bouillon, den held van den eersten kruistocht; links de Rijksbibliotheek +met 250,000 boekdeelen en 23,000 kostbare handschriften; daarnaast het +algemeen Staatsarchief en het prachtig Museum van moderne schilderstukken. +Het Museum van natuurlijke historie met zijn gevulde zalen van allerlei +voorwerpen uit het steenen en bronzen tijdperk, en zijn reusachtige +geraamten van voorhistorische dieren, bevindt zich thans in een ander +lokaal in de nabijheid van het Wiertz-museum. In de monumentale +Regentiestraat heeft men op het einde een verrukkelijk gezicht op het +Justitiepaleis, dat als een reusachtige Babylonische godentempel in volle +majesteit omhoogrijst. Behalve het paleis van den graaf van Vlaanderen +treft men langs den overkant een ander aan, waar de schatten onzer oude +schilderschool, meer dan 400 doeken, bewaard en bewonderd worden. Verder +komt men aan den Kleinen Zavel met zijn schoone herstelde Gothische kerk, +en in den daaroverliggenden tuin de martelaarsgroep van Egmond en Hoorn. Op +het kunstig gesmeed hek, dat den tuin omringt, staan op granietkolommen de +48 verschillende neringen der XVIe eeuw door bronzen figuren afgebeeld, +terwijl rondom de hoofdgroep in nissen van levend groen, tien marmeren +standbeelden zijn geschaard, voorstellende even zooveel beroemde mannen uit +die merkwaardige eeuw, waaronder Willem den Zwijger en Marnix van +St.-Aldegonde. Daarnaast bevindt zich 't Muziekconservatorium; hoogerop +het vermelde Justitiepaleis van den bouwmeester _Poelaert_, dat door zijn +grootsche afmetingen een machtigen indruk teweegbrengt, evenals het +verrukkelijk uitzicht op de benedenstad, die thans onze belangstelling +wekt. Wat het eerst in het oog valt is de statige Goedelekerk, een weinig +verder de Groote Markt, de rijkste en schoonste van Noord-Europa. Met haar +keurig Stadhuis en zijn edelen slanken toren, ter hoogte van 96m63, de +nieuw herbouwde broodhalle of Broodhuis naar het oorspronkelijk plan van +1515, en zijn krans van rijk versierde gildehuizen van omstreeks 1700, +dwingt zij elken vreemden bezoeker tot bewondering. Het is majesteit, +bevalligheid en weelde. _Busken Huet_[20] noemt het "breed kantwerk, +goudsmederij, een zonnestraal op den weg der bouwkunst". Onder de moderne +gebouwen der benedenstad vermelden wij verder de Beurs, het Postkantoor, de +Anspach-fontein, benevens de heerlijke boulevards met de rijke hotels en +magazijnen, een uitstalling van 't kostbaarste en 't meesterlijkste der +nijverheid, al de verleiding van kunst en verfijnde weelde, die verbluft en +verrukt. + +[Figuur: Paleis van Justitie te Brussel] + +Ten zuiden der hoofdstad in de richting van Henegouwen ontmoet men de +kleine stad Halle (12,000 inw.), een druk bezochte bedevaartplaats, en +dicht bij de taalgrens, aan de Romeinsche heirbaan van Bavaai naar Atrecht, +Edingen _(Enghien)_, in de buurt van een der schoonste parken van Europa. + +Volgt men van hier met het spoor nagenoeg den loop van den Dender, tot aan +zijn monding in de Schelde, dan ontmoet men langs dien weg de steden +Geeraardsbergen (12,000 inw.), Ninove (7,500 inw.), Aalst (30,000 inw.), +met grooten handel in hoppe, vlas en koolzaad, met fabrieken van linnen, +katoenen, wollen en zijden weefsels. In de prachtig onvoltooide +St.-Maartenskerk te Aalst met een schoon doksaal en een meesterlijke +schilderij van Rubens, is het graf van _Dirk Martens_, die in 1473 het +eerst de boekdrukkunst in Belgie bracht. Hij was een der geleerdste mannen +van zijn tijd. + +Dendermonde (10,600 inw.). De collegiale kerk bevat merkwaardige +schilderijen en beeldhouwwerken van groote meesters. Het is de +geboorteplaats van den beroemden toonkundige _Jan Ockegem_(*1430) en van de +Vlaamsche dichters _Prudens van Duyse_, die er zijn bronzen standbeeld +heeft, en _Em. Hiel_. + +[Figuur: Lakenhalle, Belfort en Stadhuis te Gent] + +Gent (163,000 inw., met zijn voorsteden meer dan 200,000). Hoe verschillend +moet de indruk zijn, dien de reiziger ondervindt, als hij voor het eerst +hier binnenkomt en een moderne stad meent te zien. Nog is hij de +Vlaanderenstraat niet door, of de illusie verdwijnt bij het zicht van een +reeks oude gebouwen, waarin zich de luister dier trotsche stad van weleer +zoo duidelijk afspiegelt. Het eerste gebouw, dat ons treft, is het +Geeraard-duivelsteen (13e eeuw), daarnaast de statige kathedraal van +St.-Baafs met haar hoogen toren, de oude Lakenhalle met het nog oudere +Belfort, welks zware klokken bij feestgetij hun machtige tonen doen hooren. +Die trouwe wachter en die bronzen stem onzer aloude gemeentevrijheden +behooren onafscheidelijk bij elkaar. Geen dertig meter verder verrijst het +prachtige stadhuis, dat uit twee ongelijke deelen bestaat: de jongste gevel +in Renaissancestijl der 17e eeuw, de oudere in Gothiek naar het plan van +_Domien De Waghemackere_ en _Rombout Keldermans_(1481-1517). Moest het +opgebouwd en voltrokken zijn, het zou nergens zijn weerga hebben. Ook de +oude Romaansch-Gothische kerken van St.-Nikolaas en St.-Jakobs staan in de +onmiddellijke nabijheid. Plaats u slechts vijftig meter verder met het +zicht op de schilderachtige Graslei, vroeger de stapelplaats voor de granen +van Artois, rechts hebt ge de grauwe massa der St.-Michielskerk, voor u het +nieuwe Gothische postkantoor met zijn drie torens, waarboven in de blauwe +lucht de klokketoren der St.-Nikolaaskerk en de spits met vergulden draak +van het Belfort zich afteekenen; bemerk die rij van oude gebouwen, het +"vrije Schippershuis", een der fraaiste Gothische woningen der XVe eeuw, +het oude Stapelhuis der XIIIe eeuw in Romaanschen bouwtrant; links, waar de +Lieve zich met de Lei vereenigt, den ouden slottoren van 't Gravensteen, en +zeg, of het mogelijk is zich een tafereel voor te stellen, zoo keurig en +rijk, zoo schilderachtig door samenvoeging van vormen en lijnen, en dit +alles op een betrekkelijk kleine ruimte, in het centrum der stad? Doch 't +is vooral de St-Baafskerk, die den kunstminnenden reiziger in zoo hooge +mate aantrekt. Reeds bij het binnenkomen is de indruk overweldigend. Haar +verheven hoogaltaar, dat bijna tot aan het gewelf reikt, het weidsche koor +met zijn marmeren praalgraven, de talrijke kapellen met de kostbare +gedreven koperen deuren, ieder van deze is op zich zelve een +kunstheiligdom. In de eene bewondert men het meesterstuk van _Hubert_ en +_Jan van Eyck_ "de Aanbidding van 't Lam Gods" (1411-1432), zoo verheven +en dichterlijk van opvatting, zoo volmaakt van samenstelling en techniek, +zoo rijk van koloriet; in de andere een der heerlijkste doeken van _Rubens_ +"de aanvaarding van den H. Bavo in 't klooster"; in den middelbeuk den +zeldzamen schoonen predikstoel van _Laurens Delvaux_ (18e eeuw); aan den +ingang links de doopvont, waarin Karel V in 1500 werd gedoopt, en meer +andere gewrochten van onschatbare waarde. Wie van karakter en +oorspronkelijkheid houdt, begeve zich naar Gent, het Venetie van 't +Noorden, door zijn rivieren (Lei en Schelde, Lieve en Moere) en vaarten in +verscheidene eilanden verdeeld, die door 65 bruggen met elkander +gemeenschap hebben. + +[Figuur: HUB. en JAN VAN EYCK. Aanbidding van het Lam Gods] + +Vervolgen wij onzen weg tot op de Veerleplaats, waar de trotsche oude +burcht met zijn hoogen slottoren en versterkten ringmuur uit de wateren +omhoogrijst. Dit bewonderenswaardig specimen van militaire bouwkunst, +waarvan de onderbouw wellicht opklimt tot de IXe eeuw en waarschijnlijk als +sterkte diende tegen de Noormannen, werd door Filips van den Elzas in 1180 +vergroot en opgebouwd. Dit slot, dat den geest terugvoert naar overoude +tijden, zou een lange geschiedenis kunnen verhalen van Vlaanderens strijd +en wee, evenals de Vrijdagmarkt, het forum der oude Gentenaars, waar het +standbeeld prijkt van hun grooten burger uit het roemrijk tijdvak van de +gemeenten der XIVe eeuw, _Jacob van Artevelde_. + +[Figuur: Predikstoel van St-Baafskerk te Gent] + +Hoeveel vaderlandsche helden en groote mannen zijn hier niet geboren, ook +de machtige Keizer Karel V, die zijn geboorteplaats zoo vreeselijk +kastijdde. + +[Figuur: HUB. en JAN VAN EYCK. Aanbidding van het Lam Gods (vijf van +de zeven bovenpaneelen)] + +[Figuur: HUB. en JAN VAN EYCK. Aanbidding van het Lam Gods +(hoofdpaneel)] + +De liefhebber van oudheden vindt hier nog zooveel dat zijn weetgierigheid +bevredigen kan, vooral de indrukwekkende bouwvallen der aloude +St.-Baafsabdij, gesticht in de VIIe eeuw, tijdgenoote van St-Amand, die +in 636 hier het evangelie kwam prediken, en herbouwd in de IXe. + +[Figuur: Het Stadhuis te Oudenaarde] + +Door twee belangrijke kanalen is Gent in gemeenschap met de zee: door de +vaart van Brugge en Oostende en door die van Terneuzen, welke, gegraven op +last van koning Willem I (1825), thans verbreed en verdiept, een der +schoonste kanalen van Europa is geworden. + +Door zijn inrichtingen van onderwijs op elk gebied en van elken graad, door +zijn hoogeschool in 1817 door Willem I gesticht, door zijn museums en +kostbare bibliotheek, door zijn aanzienlijke fabrieken van metaal, linnen +en katoen, door zijn tuinbouw en bloementeelt, die thans de eerste plaats +in de wereld bekleedt, heeft Gent, ondanks al de uitgestane rampen, zich +allengs weten op te richten, dank zij de levenskracht van dat taaie ras, +dat in onze dagen zich nog altoos kloek, even vrijzinnig en gevoelig toont +voor al wat schoon is en groot, even flink en nijverig als zijn Vaderen van +voorheen. + +Met dit bemoedigend beeld voor oogen, begeven we ons naar Oudenaarde (7,000 +inw.), mede een der oudste en heldhaftigste steden van 't land. Haar rang, +evenals haar vermaarde nijverheid van tapijten en gobelins, die in de 15e +en 16e eeuw tot 14,000 personen bezighield en voor welke de grootste +kunstenaars de modellen en teekeningen leverden, heeft ze laten verloren +gaan. Lodewijk XIII gelastte _Filips Robijns_ van Oudenaarde de beroemde +manufacturen der Gobelins naar Parijs over te brengen en de werkhuizen van +Beauvais in te richten. + +Haar muren hebben aan menige bestorming kloeken weerstand geboden. De +gebouwen, die ze heeft bewaard, getuigen van haar vroegere welvaart: het +Stadhuis, dat pronkjuweel van een uit steen gebeiteld kantwerk met zijn +torentinne in vorm van kroon (1525-1537), is het werk van den Brusselaar +_Hendrik van Pede_, en moet in schoonheid voor dat van Leuven niet +onderdoen. Gelukkig heeft het van de woede der beeldstormers niet te lijden +gehad. Het innerlijke bevat een paar mooie schoorsteenen en een prachtige +hoofddeur, een meesterstuk der zestiende-eeuwsche Renaissance. Verder heeft +men het statig koor van de oude St.-Walburgis-kerk, den Romaanschen tempel +van O.-L.-Vrouw van Pamele met zijn edelen vorm en eerwaardig voorkomen. + +Oudenaarde is de geboorteplaats van _Margareta van Parma_, de beroemde +landvoogdes der Nederlanden (1560-1567), van den vermaarden schilder +_Adriaan Brouwer_(1608-1640) en van andere befaamde personen. + +Voorbij de stad begint een heuvelachtige streek, een der schoonste van +Belgie, met zachte hellingen, vriendelijke valleien en boschrijke hoogten, +die Vlaanderen van Henegouwen scheiden en ook de taalgrens vormen tusschen +de beide stammen. De hoogste punten der provincie zijn: de Kluisberg (150 +M.), in de omgeving van Ronse, de Muziekberg (150 M.), waaraan de legende +van Daneelken, den Vlaamschen Tannhaeuser, is verbonden, en de Hootond (180 +M.). Richt men van een dier hoogten den blik in het ronde, dan kan men +moeielijk een uitroep van bewondering weerhouden. Diep, verreweg kronkelt +de Schelde als een zilveren streep door de heerlijke landerijen, terwijl +naar het zuiden het oog rust op de zachte omtrekken van den +Drievuldigheidsberg, die als een baak de plaats aanwijst, waar de Waalsche +stad Doornik met de meest indrukwekkende hoofdkerk en haar vijf Romaansche +torens zich verheft. + +Ronse (20,000 inw.) was reeds ten tijde der Romeinen een bewoond centrum. +Thans is het een zeer bedrijvig midden met fabrieken van allerhande +weefsels. + +De weg naar Kortrijk is niet lang, maar zeer afwisselend. + +Kortrijk (35,000 inw.), te midden der licht groene vlasakkers en het +weelderig bouwland, is niet ingeslapen en mag fier zijn op de producten +zijner nijverheid. De stad bezit de grootste lijnwaadmarkt van Belgie. Haar +fijne linnen weefsels, haar tafellakens en servetten, haar mooie kanten, +haar bleekerijen en oliefabrieken bezorgen haar rijkdom en welvaart. Binnen +de grenzen der tegenwoordige stad ligt een deel van den Groeningerkouter, +waar den 11n Juli 1302 onze ambachtslieden het groote Fransche leger +versloegen in den slag der Gulden Sporen, en door hun heldenmoed het +bestaan en de toekomst van den heelen Dietschen stam van een gewissen +ondergang redden. + +Dicht in de nabijheid ligt het aloude Harelbeke, dat beschouwd wordt als de +bakermat van Vlaanderen. Dit dorp is de geboorteplaats van den grooten +Vlaamschen toondichter _Peter Benoit_. + +Gaan we van Kortrijk naar Ieperen, dan stoomt de trein voorbij Meenen +(19,000 inw.), Wervik (8,700 inw.), een zeer oude stad, Komen (5,700 inw.), +waar de Fransche kronijkschrijver van Lodewijk XI en Karel VI, _Philippe de +Comines_, geboren werd, alsook _Auger Busbecq_, beroemd natuurkundige, die +uit Azie de jasmijn en tulp in Europa bracht. Met Waasten (13,600 inw.) +drijven de genoemde steden grooten handel in tabak en nemen een belangrijk +deel aan de linnen- en katoennijverheid. + +Ieperen (17,000 inw.), thans een stad van den derden rang, was in de +middeleeuwen de machtige mededingster van Brugge en Gent, die te zamen over +het lot van Vlaanderen beslisten. Haar omvang was in dien tijd veel grooter +dan in onze dagen. Aan haar uitstekend laken, aan de overvloedige productie +van dekens en wollen stoffen, aan haar uitgebreiden handel dankte zij voor +een groot deel haar voorspoed en welvaart. Doch van al dien rijkdom en +geduchte macht is weinig overgebleven: alleen haar monumenten zijn van den +eersten rang, waaronder een zeker getal merkwaardige huizen, de oude +vleeschhal en inzonderheid de grootsche St.-Maartenskerk en de +indrukwekkende lakenhalle. + +Grootsch en schoon in den verheven zin is die oude St.-Maartenskerk (1221), +haar monumentaal koor met de weidsche praalgraven der oude bisschoppen, en +de eenvoudige zerk van _Cornelis Jansenius_, in leven den geeerbiedigden +kerkvoogd, den 6n Mei 1638 door de pest weggerukt, doch na zijn dood, ter +oorzake zijner schriften, als ketter gedoemd. + +Doch het is de welberoemde halle, die het meest de aandacht trekt. Een +gevoel van eerbiedige bewondering maakt zich van ons meester, als we staan +tegenover dien reuzenbouw met zijn honderd vensters in den voorgevel en +zijn zwaren wachttoren. De indruk dien zij maakt, is des te aangrijpender, +omdat niemand zulk een wonder verwacht in deze verlaten stad. Het is +verreweg het grootste burgerlijk gebouw der middeleeuwen. + +Op dit uitgestrekte plein was het, dat de beroemde jaarmarkten gehouden +werden, dat de gilden en ambachtslieden vergaderden, en de beroemde +rederijkerskamer, de _Alpha en Omega_, haar vermaarde landjuweelen hield. + +Niet ver van Ieperen ligt Poperinge (11,500 inw.) te midden van rijke +velden met hoppe, die overal gezocht wordt. + +Vervolgen wij onze reis naar het noorden, dan ontmoeten we eerst Roeselare +(23,000 inw.) op de Mandel, na Kortrijk de nijverigste stad van +West-Vlaanderen, met een belangrijke linnen- en hennepmarkt, alsmede +fabrieken van katoen, lijnwaad en linten. Het is de geboorteplaats van den +te vroeg gestorven West-Vlaamschen dichter _Albrecht Rodenbach_. + +Izegem (12,000 inw.) met belangrijke schoen- en borstelfabrieken, en Tielt +(11,000 inw.) met linnenweverijen, vlas- en grooten veehandel, laten we +terzijde, evenals Tourhout (10,000 inw.), een zeer oude vervallen stad, +wier oorsprong ongetwijfeld opklimt tot den tijd onzer heidensche +voorouders. Tijdens de middeleeuwen was zij de groote stapelplaats van de +Spaansche en Engelsche wolsoorten; door haar jaarmarkten en handel in +paarden een der bedrijvigste steden van Vlaanderen. + +Ten noord-oosten der stad, op 3 Km. afstand, ligt een deel van 't oude +grafelijk slot van Wijnendale, het voormalig zomerverblijf der graven van +Vlaanderen, te beginnen met Robrecht den Vries tot en met Lodewijk van +Nevers. Maria van Bourgondie, dochter van Karel den Stoute, overleed er in +1482, ten gevolge van een val van haar paard. + +Hoe verder men naar het noorden en westen trekt, hoe meer de grond zich +effent, tot hij overgaat in de lage vlakte. + +Diksmuide aan den IJzer (4,000 inw.) was eenmaal een aanzienlijke haven- en +handelsstad, wier jaarmarkten langs de heele kust bekend waren. Zij bezit +een doksaal, dat te recht om zijn keurige uitvoering als een der schoonste +van West-Europa is bekend. Sedert drie eeuwen geniet de Diksmuidsche boter +een welverdiende faam. + +Veurne (5,800 inw.) is de westelijkste, maar ook de meest Vlaamschsprekende +stad van Belgie. De oude kastelenij met haar talrijke dorpen volgde Brugge +en Gent in macht en aanzien op. De groote markt met haar antieke gevels, +haar raadhuis en gerechtshof, met daarachter de indrukwekkende kerk en +toren van St.-Walburgis, is nog altijd een der schilderachtigste pleinen +van geheel Vlaanderen en onder de kleine pleinen van Europa een der +allerliefste. Jaarlijks, op den laatsten Zondag van Juli, lokt de vermaarde +boetprocessie, met haar eigenaardig zeventiende-eeuwsch karakter, duizenden +toeschouwers. + +[Figuur: Groote Markt te Veurne] + +Heeft men van Diksmuide en Veurne een indruk van verlatenheid meegenomen, +nog droeviger is het gevoel, dat ons bevangt, als men Nieuwpoort +binnentreedt. De groote markt met haar ruime, zeer eigenaardige Gothische +hal, vroeger het middelpunt van haar bedrijvig leven, is thans ledig en +verlaten. Ten jare 1600 was Nieuwpoorts strand getuige van een der +schoonste wapenfeiten, waarvan de geschiedenis gewaagt, de overwinning van +prins Maurits met zijn Geuzenvloot op het Spaansche leger, aangevoerd door +den aartshertog Albert van Oostenrijk. + +Klimmen we thans de duinen over, om langs de kust met haar aaneenschakeling +van kleine en groote badplaatsen, Oostende, het middelpunt van allen, te +bereiken. + +Zoo stil en rustig Nieuwpoort is, zoo levendig en woelig is Oostende, in +het badseizoen vooral. Zonder tegenspraak is zij de schitterendste en meest +bezochte badstad van Europa. Het uitzicht, als men haar van den zeekant +nadert, is ongemeen betooverend. Haar breede, met zorg onderhouden dijk, +welke een der schoonste zeestranden beheerscht, is bezoomd met kostbare +villa's in allerlei bouwtrant, met prachtige hotels, paleizen en heerlijke +woningen, de eene al weelderiger dan de andere. Meer en meer wordt Oostende +de internationale paradeplaats van het rijke Europa. Een geregelde +stoomvaartlijn op Dover onderhoudt de gemeenschap met Engeland, waaruit de +prachtige en welingelichte mailbooten des zomers duizenden reizigers +overbrengen. Wie denkt bij het zien van dit woelig strand, aan den ouden +tijd waarop de schoonste bladzijde harer geschiedenis met stroomen bloeds +beschreven is, aan de belegering van Albertus en Isabella, waarbij 60,000 +strijders den dood vonden (1601-1604)? + +Had zij door het beleg en den oorlog veel geleden, de vrede en het sluiten +der Schelde hergaven haar een deel van haar voormaligen luister. De stad +telt thans 40,000 inw.; meer dan 200 schuiten en een twintigtal stoombooten +gebruikt zij voor de vischvangst; ook houdt ze zich bezig met alles wat bij +den scheepsbouw behoort. + +Van het oude Oostende is weinig overgebleven. Haar prachtige Kurzaal met +haar rijke zalen, haar nieuwe schouwburg en postkantoor in Renaissance, +haar bijna voltooide sierlijke Gothische kerk, van den Brugschen +bouwmeester _De la Censerie_, bewijzen, dat de smaak voor edele kunst nog +steeds onze Vlaamsche meesters weet te bezielen. + +Na Blankenberge, sedert weinige jaren de mededingster van Oostende, en +Heist, de laatste plaats van belang op de Vlaamsche kust, steken we de +groene velden over, ontwoekerd aan de baren van de zee. Die nieuw +veroverde grond was de oorzaak van de verzanding van 't Zwin, den grooten +zeeboezem tijdens de Middeleeuwen, ruim genoeg, om een gansche vloot te +bergen, tevens van den dood van Damme en Sluis en het verval van Brugge. + +Damme. -- Geen rechtgeaard Nederlander bezoekt Brugge zonder zijn groet en +dank te brengen aan 't stille Damme, de vroegere voorhaven, waarmee het +door een zeekanaal verbonden werd, toen de golven zich voor goed +terugtrokken. Gedurende twee eeuwen was de welvaart van Damme ongehoord. +Thans is het een onbeduidend dorp met een alleenstaanden vierkanten +kerktoren en een vervallen raadhuis, en te midden van het plein het +standbeeld van _Jacob van Maerlant_, "den Vader der Dietscher Dichtre +algader", die reeds van in de XIIIe eeuw "den Nederlanders den weg der +vrijheid en der verlichting wees", de rechten zijner medemenschen +kloekmoedig verdedigde tegen de aanmatiging van adel en geestelijkheid. + +Brugge (53,000 inw.). Niet zonder een gevoel van ontroering en weemoed +nadert een Vlaming het stille Brugge, tevens zoo belangrijk voor den +geschied- en oudheidkenner als voor den vriend der kunst. Geen stad heeft +zoo trouw haar middeleeuwsch karakter bewaard, en voortdurend streeft ze er +naar, om dit eigenaardige te behouden. Wat een weelde van hooge +torentransen, die uit alle deelen der stad zoo rustig en fier ten hemel +klimmen, van merkwaardige gebouwen met beeldhouwwerken, waaraan zoo menige +herinnering is verbonden! Wat een rij van schilderachtige hoekjes en +grachten met hun mooie omlijsting, die den blik bekoren en den geest +terugvoeren naar lang vervlogen tijden! Zie, bijna zonder het te weten, +staan we op de Groote Markt voor den Halletoren, die met zijn vorstelijke +stedekroon de trotsche macht der Vlaamsche gemeente zoo aanschouwelijk +uitdrukt, en dit juist tegenover een andere verpersoonlijking van +wilskracht en heldenmoed, van Breidel en De Coninc, de helden uit den +Gulden-Sporenslag, toonbeelden van vaderlandsliefde. + +[Figuur: De Halletoren te Brugge] + +[Figuur: Griffie, Stadhuis en H. Bloedkapel te Brugge] + +Op het burchtplein bewonderen wij het stadhuis (1376) met de kapel van 't +H. Bloed; links de oude griffie in de zestiende-eeuwsche Renaissance; in +het justitiepaleis, de vermaarde schouw van "'t Vrije"[21], een wonder van +Renaissance-houtsnijkunst, uitgevoerd naar de teekening van _Lancelot +Blondeel_ (1529-1531). Gaat men de overdekte straat naast het raadhuis +door, dan heeft men langs de gracht niet alleen een verrukkelijk +gezichtspunt op het achtergedeelte van "den vrijen burcht"[22], maar op al +de omliggende gebouwen, op zoo menig schilderachtig plekje, gelijk men er +in Brugge aantreft. Steekt men den Dijver over, een heerlijk tafereel, +gevormd door de grootsche lijnen der O.-L.-Vrouwenkerk met haar 122 M. +hoogen toren, als een oude vesting des geloofs, en de prachtige woning der +Heeren van Gruuthuse, teekent zich af tegen het verzilverde blauw van den +hemel. De oude kerk bezit een schat van kunstwerken, een groot getal +schilderijen van groote meesters, een overheerlijk madonnabeeld van Michel +Angelo, alsook de prachtige graftomben van Karel den Stoute en Maria van +Bourgondie. Het paleis der familie Gruuthuse is ingericht tot een museum +met wonderbare handschriften, kostbare kanten en drijfwerk. Van de andere +zijde der plaats trekt ons de donkere gevel van St.-Jans-gasthuis +onweerstaanbaar aan, om binnen zijn muren de meesterstukken te bewonderen +van den grooten schilder _Hans Memlinc_. Daar vindt men hem in al zijn +teederheid en bewogen uitdrukking, in al zijn glorie en volmaaktheid. + +Een aantal merkwaardige doeken van dien meester, ook van Jan van Eyck en +andere primitieven berusten in het stedelijk museum. + +Van hier begeven wij ons naar de kathedraal van St.-Salvator met haar rijke +kunstschatten en haar toren in de gedaante van een hoog versterkt kasteel. + +Al die monumenten, die mooie gevels, die weergalooze kunst, wier roem +sedert eeuwen nog niets verloren heeft van hun grootheid, staven zij niet +de vroegere macht en glorie onzer Vlaamsche steden, maar ook den +schoonheidszin en de bedrevenheid onzer kunstenaars? Onvergankelijk is de +roem onzer voorouders op dit gebied. Maar groot en machtig was eens Brugge, +de eerste handelsstad van Noord-Europa. Twintig naties hadden er hun +handelsfactorijen. In 1365 waren er veertig Duitsche handelshuizen, die +deel uitmaakten van de _Hanze_[23]. De Spanjaarden en Italianen waren nog +talrijker. In dien tijd werd de eerste beurs gehouden, waarop de Bruggeling +zoo trotsch was. De eenstemmige berichten omtrent Brugge's rijkdom, pracht +en schoonheid, grenzen bijna aan het ongelooflijke. Allen spreken van haar +met een soort van geestvervoering[24]. In de XVe eeuw telde zij niet minder +dan 80 neringen. Helaas! die roem is ondergegaan. Burgeroorlogen en de +verzanding van het Zwin, haar voorhaven, hebben haar den doodslag +toegebracht. Onder Maximiliaan van Oostenrijk begon haar welvaart snel te +zinken, haar bevolking te verminderen. In 1516 bracht de Hanze den zetel +van haar zaken naar Antwerpen over. Sedertdien geraakte zij meer en meer in +verval, in een soort van doodslaap, die nog slechts gestoord zou worden +door de godsdienstige woelingen der XVIe eeuw. Droevig tijdperk, waaraan +een Vlaming niet kan denken, zonder dat hij naar de reden vraagt van zulk +"een hachlijk lot"[25]. + +Toch blijft ze voor den denker en den droomer nog bekoorlijk in haar +alouden luister, de onttroonde stedekoningin, met haar schilderachtig +Minnewater en haar eenig oud Begijnhof. + +Van Brugge vervolgen wij onze reis door het Meetjesland naar Eekloo (13,000 +inw.) met linnenweverijen, wol- en katoenfabrieken, de geboorteplaats van +den dichter K. L. Ledeganck, wien zijn stamgenooten onlangs een standbeeld +hebben opgericht. + +Spoedig hebben we de grens van dien zandgrond achter ons, om straks het +kanaal van Terneuzen over te stoomen, en het vruchtbare Waasland binnen te +treden. + +Ons eerste bezoek geldt het nijverige Lokeren (25,000 inw.) aan de Durme, +met fabrieken van katoenen en wollen stoffen, van zeildoek en vellen; haar +bleekerijen en linnenweefsels zijn algemeen gekend, ook haar handel in +granen, hennep, olie en koolzaad. + +Thans volgt St.-Nikolaas (32,000 inw.), de vriendelijke hoofdplaats van 't +Land van Waas. Haar fabrieken van katoenen, wollen en fluweelen stoffen, +van linten en galons, van kousen en hoeden, vormen een van de schakels der +nijverheidsketen, die Vlaanderen aan de hoofdstad verbindt. + +Intusschen hebben we Antwerpen, de koningin der Schelde bereikt. Met haar +heerlijke ligging aan den breeden Scheldestroom, waar schepen uit alle +zeeen binnenloopen, en in haar dokken de schatten der vijf werelddeelen +komen uitstorten; door haar uitgebreiden handel verrijkt en getooid met de +schoonste voortbrengselen der kunst, is zij een der prachtigste en +bloeiendste steden van 't vasteland. In de jaarboeken der geschiedenis en +der kunst prijkt haar naam met onvergankelijken luister. Toen zij onder +Karel V de rijke erfgename werd der vervallen grootheid van Brugge, was het +zielental reeds tot 90,000 geklommen. Wil men zich een denkbeeld vormen van +haar spoedige macht en grootheid als handelsstad, men leze Guicciardini, +waar hij schrijft, dat "de kooplieden van alle natien er hun kantoren +hadden en zij welhaast alle andere steden der wereld overtrof." + +[Figuur: P. P. RUBENS. Afdoening van het Kruis (O. L. Vr. Kerk te +Antwerpen)] + +Met de regeering van Filips II en vooral met de komst van Alva, begon voor +ons land een tijdperk van vervolging, van jammer en ellende, maar ook van +hardnekkigen strijd voor de vrijheid van geweten, voor godsdienstige +verdraagzaamheid, zoo onmisbaar voor de grootheid van een volk. En toen na +de heldhaftige verdediging van Antwerpen, Marnix genoodzaakt was de stad +over te geven aan Alexander Farnese, en het Spaansche leger haar muren +binnentrok, begon voor haar een sombere tijd. Met haar val in 1585 ging +de wereldhandel naar Amsterdam, en toen bij den Vrede van Munster in 1648 +de Scheldemonden niet heropend, maar voor goed gesloten werden, was het +voor lang met haar welvaart gedaan. Gedurende twee eeuwen trachtte zij nog +te leven voor de kunst, wier glans nog immer op haar afstraalt van haar +groote zonen, van Quanten Metsijs, Jordaens, Van Dyck, Teniers, Rubens +bovenal, die in heel de stad zijn glorierijk spoor heeft achtergelaten. De +Fransche sansculotten openden weer de Schelde en eerst in 1803, onder +Napoleon, begon men groote verbeteringen aan de haven te brengen, en er +voorname scheepstimmerwerven te vestigen. + +[Figuur: O. L. Vrouwenkerk te Antwerpen] + +Sinds den afkoop van den Scheldetol in 1863, nam haar handel en welvaart +dagelijks toe. Thans is zij na Londen de meest bezochte handels- en +havenstad van Europa, want in de laatste jaren heeft zij Liverpool en +Hamburg voorbij gestreefd. Meer dan 5000 schepen van alle natien en grootte +varen er jaarlijks binnen. Haar zielental is thans tot 282,000 geklommen, +zonder de dichtbevolkte voorsteden. De diamantslijperijen en +goudsmeedkunst, haar zijde, kanten en tapijten, haar suiker-, zeep-, +tabak-, touw- en zeilfabrieken, haar stokerijen, brouwerijen en +scheepstimmerwerven, evenals haar uitgebreide handel bezorgen aan al die +duizenden werk en voorspoed. Doch niet alleen als handels-metropool is +Antwerpen een bezoek overwaard; ook om haar rijke museums, haar monumenten +en heerlijke kerken, gevuld met meesterstukken van schilder- en +beeldhouwkunst. Onder al die merkwaardige gebouwen is de O.-L.-Vrouwenkerk +de schoonste en prachtigste. Die ruime Gothische tempel met zijn vijf +beuken en zijn weergalooze torenspits, een steenen kantwerk, dat zich 123 +M. hoog in de lucht verheft, bevat o. a. drie wereldberoemde schilderijen +van den grooten Rubens. Ook de met marmer zoo rijk versierde kerk van +St.-Jacob, waar de groote schilder begraven ligt, en die der Jezuieten, de +schoonste proef van Rubens talent als bouwmeester, verdienen bewonderd te +worden. Onder de burgerlijke gebouwen noemen we slechts het stadhuis met de +bekende Leyszaal, de mooie omringende gildehuizen en de fontein van +Lambeaux, die de legende van Antwerpen voorstelt; de Handelsbeurs, het +Museum van schilderijen, zoo rijk aan heerlijke doeken van Vlaamsche +meesters; verder het Museum Plantijn-Moretus, eenig in zijn soort, met een +overvloed van familie-relieken, bibliotheek en archief, alsmede het +drukkersmaterieel uit de 16e en 17e eeuwen, een rijke verzameling hout- en +koperplaten, schilderijen, enz. Aan standbeelden van groote mannen, die +hier geleefd en gewerkt hebben voor den roem van 't Vaderland, ontbreekt +het in Antwerpen niet; onder de moderne gebouwen vermelden we alleen het +Justitiepaleis, de Nationale Bank, den Nederlandschen Schouwburg, het +prachtig Stationsgebouw en den vermaarden Dierentuin, een der heerlijkste +van Europa. + +Hier zijn we aan het einde van onze omwandeling door het Vlaamsche land met +zijn nijverige steden. Moge dit vluchtig overzicht van wat het op het +gebied van natuurschoon, van kunst en nijverheid te genieten geeft, van +alles wat ons volk door vlijt en werkzaamheid heeft voortgebracht en door +'t voorgeslacht is nagelaten, er toe bijdragen, om den lust bij allen op te +wekken ons land en volk beter te leeren kennen in zijn geschiedenis en +taal, in zijn streven en werken, en alzoo den band, die ons allen +vereenigt, nauwer en duurzamer te maken. + +_Gent_, 1905. + +Noten: + +[Noot 7: Men heeft berekend dat de Rijn jaarlijks 5200 M3 slib en +gerolde steenen aan den Oceaan levert, en kalk genoeg om 33200 millioen +oesterschalen te vormen. Deze scheikundig opgeloste stof is niet zichtbaar +en ontneemt niets aan de kleur van het water. De Mississippi stort meer dan +450 millioen M3 en de Ganges meer dan 600 millioen M3 slib jaarlijks in +zee.] + +[Noot 8: _Diluvium_ = het ten gevolge van overstrooming, door bezinking +ontstane land, bestaande uit zand, grint en leem.] + +[Noot 9: _Alluvium_ = de bovenste en jongste lagen der vaste aardkorst: +zij bestaan uit van elders aangevoerde stoffen, geleverd door planten, door +zee en stroomen of door den wind. Waar bepaalde plantensoorten werkzaam +waren, daar ontstonden bij nagenoeg geheele afsluiting der lucht, waardoor +verrotting werd tegengegaan, VENEN.] + +[Noot 10: Die hooge venen, in het Waalsch "Hautes Fagnes" genoemd, +hebben gewis hun ontstaan te danken aan de ophoopingen van plantenlagen in +het dichte woud, dat de kruinen der Ardennen bedekte. Deze plantenlagen +deden den grond verzuren, waardoor het woud zelf moest sterven, en +langzamerhand verkoolden zij met de andere planten, die in dien zuren bodem +nog konden groeien.] + +[Noot 11: Het is in die krijtlagen dat men in 1878 te Bernissart bij +Doornik, verscheidene geraamten van het reusachtig _iguanodon_, een +monsterachtig kruipdier, dat de diep ingesloten valleien in de +steenkolengronden bewoonde, heeft ontdekt. Deze kolossale geraamten +bevinden zich in het Museum van natuurlijke historie te Brussel.] + +[Noot 12: Volgens sommige geologen dankt die brandstof haar ontstaan +aan een weelderigen plantengroei, die ter plaatse uit poel en moeras +oprees, en die later door overstrooming neergesmakt en na tal van eeuwen +met slijklagen bedekt werd. De planten, van de lucht afgesloten, +verkoolden. Die afwisseling van droog en vochtig herhaalde zich en zoo +ontstonden na duizenden jaren onderscheidene lagen boven elkander van +planten en dan weer van klei. -- Volgens andere zouden de bestanddeelen, +die tot de vorming der steenkoollagen meewerkten en voornamelijk bestaan +uit ontzettende massa's van plantenafval, als takken, stengels van +rietgewassen, schors, bladeren, palmvarens, ringplanten, enz. van elders +aangevoerd zijn door rivier en overstrooming, en evenals bij de vorming van +turf in venen, door afsluiting van lucht, na duizenden jaren verkoold zijn +(Zie: Jules Cornet, _Premieres notions de Geologie_).] + +[Noot 13: Zie _De Landbouwkunst in de Nederlanden: I. Belgie_, door +Emile De Laveleye.] + +[Noot 14: Die strook gronds, rijk aan zink- of galmeimijnen +_(calamine)_ heeft den vorm van een gelijkbeenigen driehoek, waarvan het +toppunt ligt aan den zuid-oosthoek van Ned. Limburg. Zij is niet meer dan +350 Ha. groot. Bij de vaststelling der grenslijn in 1815 kon men het niet +eens worden tusschen Pruisen en Nederland, en dus bleef het landje +voorloopig onzijdig gebied tusschen Belgie en Pruisen.] + +[Noot 15: Zie De _Landbouwkunst in de Nederlanden: I. Belgie_.] + +[Noot 16: Antonius Sanderus of Sanders, geb. te Antwerpen, * in 1664 in +de abdij van Affligem, bijna 90 jaar oud, schrijver van de _Flandria +Illustrata_ (1641).] + +[Noot 17: Luigi Guicciardini, geb. te Florence in 1533, * te Antwerpen +in 1589. Zie zijn _Descrizione de tutti i Paesi-Bassi_ (1567).] + +[Noot 18: Cornelius Tacitus, beroemd Romeinsch geschiedschrijver, +geboren 61 jaren na Chr. en waarschijnlijk overleden in 117. Onder zijn +werken behoort het boek _De origine, vitu, moribus ac populis Germanorum +liber_, een beschrijving der Germaansche volkeren.] + +[Noot 19: _Studies in Volkskracht_. -- 1e Serie, Nr VIII. _Opmerkingen +over het Nederlandsch Volkskarakter_ door Prof. H. Kern. Haarlem. De Erven +F. Bohn, 1904.] + +[Noot 20: Zie _Het Land van Rubens_ door Cd Busken Huet. Amsterdam, J. +C. Loman Jr. 1881.] + +[Noot 21: Die vermaarde schoorsteen, een der parels van de kunstkroon +van Brugge, is een geschenk aan Karel V na zijn overwinning op Frans I, +koning van Frankrijk, in den veldslag van Pavia (1525).] + +[Noot 22: Het _Vrije Brugsche Ambacht_ was een district van het land, +dat nimmer aan de staat van leenroerigheid tegenover de drie groote steden +van het graafschap onderworpen was.] + +[Noot 23: _Hanze_ of _Hansa_ = een handelsverbond van Duitsche steden +(Hamburg, Lubek, Bremen, Keulen, Dantzig), in 1241 gesticht, om hun handel +te beschutten en uit te breiden, en de van de vorsten verkregen rechten en +vrijheden te handhaven. Ook Nederlandsche en een enkele Vlaamsche stad +behoorden er toe.] + +[Noot 24: Judocus Damhouder, beroemd rechtsgeleerde (* 1581) wijdt een +geheel hoofdstuk aan haar pracht. Sanderus _(Flandria illustrata)_ noemt +haar "de ster van Belgie". Cassander vergelijkt haar met Athenen. Men +raadplege verder Marchantius, Aeneas Sylvius, Guicciardini, Chastellein en +meer andere.] + +[Noot 25: Lees K. L. Ledeganck, _De Drie Zustersteden: Aan Brugge_.] + + +Bibliographie + +Dr F. W. C. Krecke, _Handboek der Algemeene Natuurkundige Aardrijkskunde_, +vijfde uitgave. -- _Patria Belgica_, publie sous la direction d'Eug. Van +Bemmel. 3 deelen. 1873-75. -- Emile De Laveleye, _De Landbouwkunst in de +Nederlanden; I. Belgie_. 1865. -- Alf. Jourdain et L. Van Stalle, +_Dictionnaire encyclopedique de geographie historique du royaume de +Belgique_. 2 deelen. 1896. -- Dr H. Blink, _Onze Aarde. Handboek der +Natuurkundige Aardrijkskunde_. 1890. --El. Reclus, _Nouvelle Geographie +Universelle_. IV. 1879. -- Cd Busken-Huet, _Het Land van Rubens_. 1881. -- +Jules Cornet, _Premieres notions de Geologie_. 1903. --Fr. von Hellwald, +_Die Erde und ihre Volker_. 1878. -- Henry Havard, _La Terre des Gueux_. +1877. -- Prof. H. Kern, _Opmerkingen over het Nederlandsch volkskarakter_, +nr 8 van _Studies in Volkskracht_. 1904. --Ant. Sanderus, _Flandria +illustrata_. 1641. -- Luigi Guicciardini, _Descrizione de tutti i +Paesi-Bassi_.1567. + + + + +EEN BLIK OP DE GESCHIEDENIS DER VLAAMSCHE GEWESTEN TOT WATERLOO DOOR PAUL +FREDERICQ + + +Ruwe volksstammen bewoonden oudtijds Belgies bodem, alsdan deels moerassig +aan de kust en in het lage binnenland, deels heuvelachtig en met bosschen +bedekt naar het Zuiden en het Oosten toe. Omstreeks 't jaar 50 voor +Christus' geboorte werden die "Barbaren" ontdekt en onderworpen door Julius +Caesar, den beroemden veldheer der Romeinsche Republiek, die ons in het +verhaal zijner krijgstochten het eerste volledig en schilderachtig tafereel +leverde van de toenmalige bewoners van ons Vaderland. + +Alzoo werden, in de laatste jaren der negentiende eeuw, de negers van +Middel-Afrika aan de watervallen der breede Congo-rivier door Stanley en de +Belgische officieren van koning Leopold II ontdekt en in den stroom der +beschaving getrokken. + +Tusschen die twee ontdekkingen in van wilde stammen ligt onze geheele +geschiedenis van Belgie, die een tijdverloop van nagenoeg twee duizend +jaren omvat. + +In zijne gedenkschriften roemt Caesar den moed dier Belgische volksstammen: +_Horum omnium fortissimi sunt Belgae_ (de Belgen zijn de dapperste aller +bewoners van Gallie). Maar die Keltische of Gallische Belgen, door Rome +veroverd, leerden en spraken weldra Latijn, de taal hunner beheerschers en +beschavers, en zij werden de voorvaderen der Walen; terwijl later +aangekomen Germanen, vooral Franken, en ook voor een deel Friezen en +Saksen, de stamvaders der Vlamingen werden. + +Onder die Franken stonden mannen op als Hlodowig (Clovis), koning van +Doornik, die het koninkrijk _Francia_ stichtte en zijne hoofdstad naar +Parijs overbracht; Karel met den strijdhamer (_Martellum_), die in 732 bij +Poitiers de wassende zee van den aanspoelenden Islam stuitte; en Karel de +Groote (_Carolus Magnus)_, die in 800 tot Keizer van 't Westen werd +gekroond. Dat waren de eerste groote Vlamingen uit den voortijd. + +Het machtig Rijk van Karel den Groote viel aan brokken en de Schelde werd +de grens tusschen _Francia_ en _Alemania_. Aan beide oevers van den kalmen +stroom ontstonden het graafschap Vlaanderen (863) en het hertogdom +Lotharingen, die beide eerst geheel en al onder den invloed der Germaansche +beschaving stonden, zelfs in de Waalsche gewesten, vooral te Luik en te +Doornik. + +Omtrent 't jaar 1000 werd integendeel de Fransche beschaving +overheerschend. Het Duitsche Rijk was verdeeld en onmachtig geworden. De +Fransche Kroon begon hare staatkundige, intellectueele en kunstheerschappij +in West-Europa. Doch, in 't gebied van Schelde en Maas, waren bloeiende +handels- en nijverheidssteden geboren, die een onafhankelijk leven wilden +leiden tusschen Duitschland en Frankrijk. + +Vooral de Dietsche gewesten streefden naar eene eigene Vlaamsche beschaving +en in het midden der 13de eeuw verkondigde een West-Vlaming, Jacob van +Maerlant, aan zijn volk in de moedertaal de geheimen van den godsdienst, +van de natuurwetenschap en van de wereldgeschiedenis, zooals men ze alsdan +slechts in de geleerde taal van den tijd, in 't Latijn op de Hoogescholen +in andere landen leeren kon. Brugge, Gent en Ieperen, weldra ook Antwerpen, +Leuven, enz., werden brandpunten van nijverheid, handel en stoffelijken +welstand, vrijheid, volksverlichting en kunst. + +En toen de overmoedige Fransche Koning in 1300 het graafschap Vlaanderen op +den impopulairen landheer inpalmde en aldus een begin scheen te maken met +de trapsgewijze verovering van ons tegenwoordig vaderland, stonden weldra +de Vlaamsche ambachtslieden en boeren op het slagveld der Gulden Sporen, te +Kortrijk (1302), om Vlaanderen en de naburige streek voor Fransche +annexatie te redden. Breidel en De Coninc, Willem van Gulik, Zannekijn, de +twee Arteveldes, Pieter Van den Bossche, Frans Ackerman en zooveel andere +helden zijn dan de groote Vlamingen, die "de koningen doen beven" en aan de +onderdrukte bevolkingen van Frankrijk en van Engeland tot lichtbaken in de +duisternis dienen, zooals de gelijktijdige Waalsche kroniekschrijver +Froissart met ontzetting te boek stelde. + +De Vlaamsche lakenweverij bevoorraadt geheel Europa. De hallen, belforten +en stadhuizen komen prachtig uit den grond te Ieperen, te Brugge, te Gent +en in de kleinere gemeenten. De halle van Ieperen is het grootste +burgerlijk gebouw der middeleeuwen. De didactische dichterschool van +Maerlant en de mystieke prozaschrijvers met den grooten Brabander Jan van +Ruusbroec aan het hoofd leveren het geestesvoedsel in de moedertaal aan de +Vlamingen, terwijl de verfransching in de hoogere standen reeds aan 't +woekeren is. + +[Figuur: Standbeeld van Jacob van Artevelde te Gent] + +[Figuur: Halle te Ieperen] + +In de 15de eeuw is er behoefte aan toenadering en eenheid. Een +vorstengeslacht uit Frankrijk afkomstig, de vier hertogen van Bourgondie, +stichten die eenheid op de puinhoopen der gemeentevrijheden. Onder hunnen +krachtigen schepter rijst in 't Westen eene nieuwe mogendheid op, die men +eerst met den aarzelenden naam van _Landen van herrewaarts over_, weldra +met dien van _Nederlanden_ aanduidt, naar de "lage landen bij de zee", +tusschen Frankrijk, Duitschland en Engeland. Groote bouwmeesters, +beeldhouwers en schilders maken den naam van Vlaming vermaard over Europa. +De Van Eycks, Memlinc, zooveel anderen behooren tot de schitterende +Brugsche schilderschool, wier houten paneelen nu nog het sieraad zijn der +kerken en der museums in de geheele wereld. Glansrijk bloeit de bouwkunst +in de stadhuizen van Brussel, Leuven, Aalst, enz., terwijl de meesterlijke +beeldhouwwerken, waarvan zoovele in den beeldenstorm van 1566 vernietigd +werden, nieuwe wegen openen voor die edele kunst in West-Europa. Doch onder +de Franschgezinde hertogen wordt de volkstaal niet in eere gehouden. De +Vlaamsche letterkunde kwijnt, terwijl eene Fransche hofletterkunde bloeit +met Jean le Bel van Luik, Jean Froissart van Valencijn, Georges Chastellain +van Aalst en Philippe de Comines van Komen. + +[Figuur: Keizer Karel V] + +Zoo breekt de zestiende eeuw aan. De Duitsche Habsburgers, evenals de +Bourgondische hertogen, door een huwelijk in onze geschiedenis getreden, +komen op den troon en de derde van hun geslacht, een Gentenaar, vereenigt +op zijn hoofd de kronen van de Nederlanden, van Spanje en van het Duitsche +Rijk: 't is Keizer Karel of Karel V, die geheel West-Europa tot in 1555 +beheerscht. De fraaie kunsten vervolgen hunnen bloei: Quinten Matsijs en +zijne Antwerpsche schilderschool zijn de erfgenamen der Brugsche meesters; +te Oudenaarde, te Gent, te Middelburg rijzen prachtige stadhuizen op en +Erasmus, van Rotterdam, die, eilaas! zijne moedertaal veracht en in het +geleerde Latijn schrijft, is de intellectueele koning van Europa, iets als +Voltaire tijdens de 18de eeuw. Op oeconomisch gebied staan de rijke +nijverige Nederlanden aan de spits in 't Westen en Antwerpen wordt de +grootste handelshaven, het Londen van den tijd, en tevens de hoofdstad der +pas uitgevonden boekdrukkunst in het Noorden. + +Doch, naast den ouden strijd voor de staatkundige vrijheid, begint nu een +kamp voor de nieuwe vrijheid van denken en gelooven. De volksletterkunde +fleurt weer op en weerspiegelt de hartstochten van de godsdienstige +twisten: de schoolmeesteres Anna Bijns, van Antwerpen, in hare mannelijke +_Refereynen_ tegen Luther en de "vermaledide Luterisce secte" en de +Brusselsche edelman Philips van Marnix van Sint-Aldegonde in zijnen +_Byenkorf der H. Roomsche kercke_ en in zijn _Wilhelmus_ staan vooraan in +de rangen der geusche en antigeusche letterkunde van den tijd. + +[Figuur: Marnix van St-Aldegonde] + +Onder Philips II, die van Spanje uit, onze Nederlanden op zijn Spaansch wil +onderjukken, breken de Nederlandsche beroerten uit (1566). De opeenvolgende +bedrijven van dat bloedig heldhaftig treurspel zijn: het Eedverbond der +Edelen, de Beeldenstorm, Alva's schrikbewind, de verwoesting van Antwerpen +en van andere bloeiende steden door de Spanjaarden, de tijdelijke +verzoening van katholieken en protestanten bij de Pacificatie van Gent, +hunne spoedige afscheuring in de vijandige Unies van Atrecht en van +Utrecht, de moord van den Prins van Oranje, de val van Antwerpen (1585), +voorafgegaan door dien van al de Vlaamsche en Brabantsche steden en van het +verraad der Waalsche Malcontenten. + +[Figuur: Willem De Zwijger] + +Van die scheuring af dagteekent eerst de verdeeling der Nederlanden in twee +afzonderlijke Staten, die tot aan den slag van Waterloo naast elkander, +doch schier vreemd aan elkander, een afzonderlijk leven hebben geleid. Het +is het groote keerpunt, het beslissend uur in onze vaderlandsche +geschiedenis. + +De handel, de nijverheid, de vrijheid, de letterkunde, de wetenschap +verhuisden naar het Noorden met de tienduizenden protestantsche Vlamingen +en Brabanders (en ook minder talrijke Walen), die er de wijk nemen, omdat +Zuid-Nederland zijne onroomsche kinderen geene plaats meer onder de zon +aanbood; en daar stichtten zij, eendrachtig met de Hollanders, de Zeeuwen, +de Stichtschen, de Gelderschen, de Friezen en de Groningers de heldhaftige +Republiek der Zeven Vereenigde Nederlanden tusschen Schelde en Eems aan de +kust der Noordzee. Te gelijk waren de Zuidelijke gewesten, vooral Brabant +en Vlaanderen (eens de rijkste en bloeiendste der zeventien provincien voor +de godsdienstige beroerten) nu diep vervallen tot de verarmde, ontvolkte en +uitgeputte Spaansche of Katholieke Nederlanden. Het groote bloeiende +Dietsche rijk van de hertogen van Bourgondie en van Keizer Karel was in +twee helften van elkander losgescheurd. + +Verbazend is het getal der mannen van beteekenis, die, van Zuidelijke +afkomst, de grootheid en den roem der Noordelijke Republiek hebben helpen +vestigen. Wij noemen slechts de philologen Daniel Heinsius van Gent, +Bonaventura De Smet (Vulcanius) van Brugge en Justus Lipsius van Overijsche +(bij Brussel), die later tot de Roomsche kerk terugkeerde en het sieraad +der Leuvensche hoogeschool werd; den grondlegger der wetenschappelijke +plantenkunde Rembert Dodoens (Dodonaeus) van Mechelen; den wiskundige Simon +Stevin van Brugge, den leermeester van Prins Maurits, zoon van Willem den +Zwijger; den boekdrukker Louis Elzevier van Leuven; den zeevaarder Izaaek Le +Maire van Doornik, die in 1615 de zeestraat naar hem genoemd bij de +Zuidpool ontdekte; de groote financiemannen en kooplieden Balthazar +Moucheron en Willem Usselinckx van Antwerpen, beide zoo zeer bemoeid in de +Oost- en West-Indische Compagnies; de geografen Joost de Hont en Philips +van Lansbergh van Gent en Jan de Laet van Antwerpen; de historieschrijvers +Jean le Petit van Bethune (Fransch-Vlaanderen) en Emmanuel van Meteren van +Antwerpen; de schilders Gerard de Lairesse van Luik, Frans Hals van +Mechelen en Karel van Mander van Meulebeke (bij Tielt); den dichter Jacob +van Zevecote van Gent en aller dichtren prins Joost van den Vondel, geboren +te Keulen uit Antwerpsche ouders; een leger van godgeleerden en +predikanten, waaronder de beroemde Gomarus van Brugge, die eene +beslissende rol speelde op de Synode van Dordrecht in 1618; een leger van +staatslieden met Willem den Zwijger, te Brussel grootgebracht, en den +Brusselaar Marnix van Sint-Aldegonde aan hun hoofd; enz., enz. + +De Leidsche hoogeschool, in 1575 gesticht, wordt de eerste van Noord-Europa +en hare beste professoren zijn bij den aanvang in meerderheid +Zuid-Nederlanders. Openbare liefdadigheid en volksonderwijs worden +ingericht als in geen ander land van Europa. + +De Hollandsche schilderschool ontwikkelt eene eenige oorspronkelijkheid met +Rembrandt, Hals, Ruysdael, Dou, Pieter de Hooch, Jan Steen, Vermeer en +zooveel andere onsterfelijke meesters. + +De kleine provinciestad Amsterdam is eene wereldstad geworden; de oudere +Hollandsche, Zeeuwsche en Utrechtsche steden moeten alle hunne wallen +uitzetten en zien hunne bevolking en hunnen welstand verbazend stijgen. De +Nederlandsche Republiek wordt de eerste handels- en koloniale mogendheid +der wereld in de 17de eeuw. + +Intusschen zieltoogt het door geweld katholiek gebleven Zuid-Nederland. In +de Vlaamsche en Brabantsche steden, die door de gedwongene protestantsche +uitwijking de bloem hunner burgerij en handswerklieden hebben verloren, +staan een derde der huizen te koop of te huur en vinden er geene +liefhebbers, zoodat de kloosterlingen der plattelandsche abdijen, welke in +den burgeroorlog verwoest waren geworden, geheele stadswijken voor een +appel en een ei meester worden en zich in iedere stad komen nestelen. +Buiten de steden zijn hoeven, stallingen, schuren en kasteelen in puin +gelegd; de onbebouwde verlatene akkers groeien vol distels, ginststruiken +en ander wild gewas. Wolven loopen het ontvolkte platte land af. De Schelde +is gesloten en Antwerpen houdt op eene zeehaven te zijn gedurende meer dan +twee eeuwen. De gewetensdwang en de geestelijke censuur op de boeken +belemmeren elke ontwikkeling van den menschelijken geest. Het onderwijs der +Jezuieten, Augustijnen en nonnen verkwezelt en verfranscht de hoogere +standen, en de volksschool ligt in eene erbarmelijke verwaarloozing +gedompeld. Terwijl in Holland de gouden eeuw der Nederlandsche letteren +schittert met Vondel, Hooft, Bredero, Cats en Huygens, levert de +letterkunde in Vlaamsch Belgie niets anders op dan Pater Poirters en Willem +Ogier. Alleen op het gebied der fraaie kunsten, ten dienste meestal van +kerken en kloosters, leeft een tijdlang nog de oude verbazende kracht van +den Vlaamschen stam voort. De prachtige Antwerpsche schilderschool met +Rubens, Van Dijck, Jordaens, Teniers, enz. is de laatste glorievonk van het +uitdoovend nationaal genie. + +[Figuur: P. P. Rubens] + +Terwijl de Nederlandsche driekleur op alle zeeen en oceanen met glans en +eere wappert, terwijl de Nederlandsche Republiek de Europeesche diplomatie +beheerscht en door veldheeren als Maurits en Frederik Hendrik, door +admiralen als De Ruyter en Tromp, door staatslieden als Oldenbarnevelt en +Jan de Wit, door groote schilders en geleerden de bewondering en de afgunst +van het buitenland opwekt; terwijl eindelijk de stadhouder Willem III van +Oranje, koning van Engeland, als de redder van Europa's onafhankelijkheid +optreedt tot fnuiking der Fransche Wereldmonarchie van Lodewijk XIV; -- is +de zeventiende eeuw voor Vlaanderen het rampzaligste tijdvak onzer gansche +geschiedenis. De Spaansche katholieke Nederlanden zijn het bloedig en +weerloos slagveld der groote mogendheden geworden. Gedurende meer dan eene +eeuw, tot aan den Vrede van Utrecht (1713), werd er op onzen bodem oorlog +gevoerd om ons brokstukken van ons grondgebied te ontrooven: in 't Noorden +verloren wij aldus Zeeuwsch-Vlaanderen, Noord-Brabant, Maastricht en den +rechteroever der Maas ten gunste der Nederlandsche Republiek; in 't Zuiden, +Artois, Fransch-Vlaanderen, de helft van Henegouwen en eene strook van +Luksemburg, ten gunste van Frankrijk, dat ons land zelfs tijdelijk in zijn +geheel had ingepalmd (1700-1706). Ontelbare veldslagen en belegeringen +maakten eilaas! den naam onzer steden en onzer onbekende Vlaamsche en +Waalsche dorpen bloedig beroemd in de wereldgeschiedenis. + +Ons land was op den rand van den afgrond, toen de groote mogendheden het +aan Spanje ontnamen om het, buiten onzen wil, aan Oostenrijk over te maken. +Als een lakei, die met eenen nieuwen meester ook van livrei moet +veranderen, verwisselden onze gewesten hunnen naam van _Spaansche_ met dien +van _Oostenrijksche Nederlanden_. In 't midden der achttiende eeuw kwam +eene tweede tijdelijke verovering van Frankrijk onder Lodewijk XV de +nationale rampen vermeerderen, waar de Vrede van Aken (1748) een einde aan +stelde. Dertig jaren van ongestoorden vrede volgden daarop onder de +moederlijke regeering van keizerin Maria Theresia, die eenige verademing +brachten. Ook wordt hare nagedachtenis nog in Belgie gezegend; aan zulke +rust waren onze zwaargeteisterde voorouders niet meer gewoon. Daarenboven +toonde zich de Oostenrijksche regeering milder en verstandiger dan de +Spaansche. Het hooger en middelbaar onderwijs werden verbeterd, de landbouw +en de nijverheid aangemoedigd, de verschrikkelijke uitbreiding der +kloosters werd tegengewerkt, de opheffing der Jezuietenorde (na hare +afschaffing door paus Clemens XIV) in ons land in 1773 ook doorgevoerd en +de Academie der wetenschappen en letteren te Brussel opgericht (1772). + +[Figuur: Jozef II] + +Maria Theresia's schrandere zoon, keizer Jozef II bezocht in 1781 ons +vaderland, kort na zijne troonsbestijging. Sedert Philips II 's vertrek +naar Spanje in 1559 was hij de eerste vorst der Zuidelijke Nederlanden, die +zich gewaardigde onzen bodem te betreden en hij kwam er opzettelijk om onze +toestanden te bestudeeren. De vruchten zijner edelmoedige studiereis +bleven niet uit. Tal van hervormingen, uit Weenen naar ons land +overgebriefd, verrasten en schokten weldra keer op keer onze ingedommelde +voorouders: afschaffing der pijnbank, bedeesde verdraagzaamheid voor de +dungezaaide protestanten, opheffing der "onnoodige" kloosters, hervorming +der bisschoppelijke seminaries, herinrichting van het gerecht en van de +bestuurlijke instellingen en meer andere doortastende veranderingen, +meestal heilzame en dringende verbeteringen, die eenige jaren later door de +Fransche Omwenteling werden doorgedreven. Maar de katholieke geestelijkheid +en al degenen, die leefden van de voorrechten en misbruiken, ruiden het +verdwaasde volk op tegen die hervormingen, welke overigens door Jozef II +werden afgekondigd zonder acht te slaan op 's lands aloude grondwettelijke +waarborgen. De Brabantsche omwenteling, die belachelijke en beschamende +clericale naaeperij van de groote Fransche van 1789, brak uit. Het +Oostenrijksch bewind werd omver geworpen, Jozef II stierf van verdriet, +onze voorouders op zijn sterfbed van ondankbaarheid beschuldigende, en +gedurende 360 dagen leefde ons land in eenen revolutionnairen staat van +potsierlijke onafhankelijkheid en clericale reactie onder den naam van +_Etats-Belgiques-Unis_, alweer eene onmachtige nabootsing van de vrije +Republiek der Vereenigde Staten van Noord-Amerika, die zich eenige jaren +vroeger tegen Engeland had vrijgevochten. Na minder dan een volle jaar +keerden de zegevierende Oostenrijksche legers terug; doch al de +hervormingen van Jozef II werden ingetrokken. + +Maar dan begon de strijd tegen Frankrijk, die na een paar bloedige +veldtochten leidde tot de inlijving van Zuid-Nederland bij de Fransche +Republiek _une et indivisible_ onder de leus: _Liberte, Egalite, Fraternite +ou la mort_ (1794). Zuid-Nederland verdween van de kaart van Europa en werd +ingedeeld in Fransche wingewesten: _Departements de la Lys, de l'Escaut, de +la Dyle, des Deux-Nethes, de la Meuse Inferieure, de l'Ourthe, des Forets, +de Jemmapes, de Sambre-et-Meuse_. Dat was het tweede keerpunt in onze +vaderlandsche geschiedenis. + +De kerkelijke en staatkundige instellingen, die zich sedert de middeleeuwen +gaandeweg ontwikkeld hadden, werden plotseling neergehaald en door +splinternieuwe vervangen. Al de voorrechten van geestelijkheid en adel +werden afgeschaft en door de burgerlijke gelijkheid aller inwoners +vervangen, hetgeen een niet genoeg te waardeeren hervorming was, waarvan +wij heden nog de zegeningen genieten. Doch, indien al de moderne vrijheden +werden afgekondigd, dit was slechts in de woorden en op het papier, want in +de werkelijkheid bleef de regeering almachtig; de Republiek en na haar +Napoleon I oefenden eene staatkundige dwingelandij uit, die zelden werd +geevenaard. Daarenboven werden onze gewesten door Frankrijk letterlijk +uitgebuit. + +De inlijving begon in 1794 met eene oorlogsbelasting van tachtig millioen +Fransche _livres_ op de steden, waarvan Brussel er vijf, Antwerpen tien, +Gent zeven, enz. moesten opbrengen. Al de rijkdommen in goud en zilver van +kerken, kloosters, neringen, ambachten en gilden werden aangeslagen, met +hamers aan stukken gebroken, in houten vaten gekuipt en naar Frankrijk +gezonden. De gedwongen koers van het waardeloos papieren geld (_assignats_) +en de stelselmatige afpersing van alle waren, levensmiddelen, vee, meubels, +stoffen, kunstschatten en verdere roerende eigendommen, onder den naam van +_requisities_, brachten eene onbeschrijfelijke ellende teweeg, gevolgd +door hongersnood en ziekten. Ondertusschen moesten onze wanhopige +voorouders eene officieele feestvreugde aan den dag leggen bij het planten +der vrijheidsboomen en hunne Fransche driekleur uitsteken op den _decadi_, +die den afgeschaften Zondag was komen vervangen, evenals de katholieke +kerken herschapen waren in _tempels der Rede_; de kloosters en abdijen +waren opgeheven en hunne goederen verkocht. Zoo brak de "gesloten tijd" +(1797-98) aan, die gekenmerkt werd door allerlei hatelijke of kleingeestige +vervolgingen tegen de priesters, die in 't geheim de mis lazen en de +sacramenten bedienden en die zich daardoor aan deportatie naar Cayenne +blootstelden. De ruw ingevoerde militaire loting (_conscriptie_) deed den +beker overloopen en den wanhopigen _Boerenkrijg_ uitbreken (1798-1799), die +na heldhaftigen tegenstand in het bloed gesmoord werd. Geen tijdvak onzer +geschiedenis, buiten de bloedige dwingelandij van Alva, in de 16de eeuw, +kan met de laatste jaren der achttiende eeuw onder het Fransche +schrikbewind worden vergeleken. + +Het consulaat van Napoleon Bonaparte bracht eenige verademing. De vrede met +Europa, de inwendige openbare rust en de oude katholieke godsdienst werden +hersteld. Doch Napoleon zette de keizerskroon op zijn hoofd (1804) en zijne +onverzadelijke eerzucht veranderde geheel Europa, van Spanje af tot aan +Rusland, in een groot oorlogsterrein. De conscriptie eischte overal +kanonnenvleesch. De dwingelandij van den meester kende geene palen meer. De +moedertaal, reeds brutaal aan kant gezet bij den eersten dag der Fransche +inlijving, werd onmeedoogend vervolgd en uitgeroeid tot in de dagbladen, +straatnamen, uithangborden, testamenten en kwijtschriften. Vertwijfeling en +haat tegen de Fransche overheersching waren de alom heerschende gevoelens +in ons diep gezonken vaderland. + +In al die rampen had Noord-Nederland ook zijn aandeel gehad. Het verzwakte +en ingedommelde gemeenebest der Zeven Vereenigde Nederlanden was, door +inwendige twisten en onder Franschen invloed, uiteengevallen en tot +vassaalstaat van Frankrijk gezonken onder den naam van Bataafsche +Republiek (1795). Napoleon veranderde haar in een _Royaume de Hollande_ met +zijnen broeder Lodewijk als koning (1806), en, toen deze niet slaafsch +genoeg aan zijne ongehoordste eischen gehoorzaamde, stiet hij hem van den +troon en lijfde Noord-Nederland bij het Fransche Keizerrijk in (1810). Op +hunne beurt waren ook de Hollandsche gewesten tot Fransche departementen +vervallen, vijftien jaren na Zuid-Nederland. + +De Nederlandsche stam in Noord en Zuid scheen alsdan met eenen +onvermijdelijken ondergang bedreigd, toen Napoleon's val een historisch +mirakel mogelijk maakte: de verrijzenis der groote mogendheid van de +Bourgondische hertogen en van Keizer Karel onder den naam van _Koninkrijk +der Nederlanden_ met eenen Oranjevorst, eenen afstammeling van Willem den +Zwijger, op den troon. + +Naast al hare vernederingen en onheilen had de Fransche overheersching ons +toch onloochenbare weldaden aangebracht: de gelijkheid aller burgers voor +de wet met opheffing aller voorrechten van adel en geestelijkheid, de +heropening der Schelde (1795) na meer dan twee volle eeuwen, de scheiding +der bestuurlijke en rechterlijke machten (1796), waar Jozef II zijnen +onverdienden val grootendeels aan te danken had, de afschaffing der al te +talrijke en overrijke kloosters, de ernstige inrichting van den +burgerlijken stand, de verwereldlijking en verbetering van de openbare +liefdadigheid. Maar de vrijheid was onmeedoogend met de voeten getreden; de +moedertaal, de nationaliteit, het volksonderwijs en het Nederlandsch +karakter verwaarloosd en veracht. + +Op het bloedig slagveld van Waterloo (1815) ging de zon der vrijheid en der +onafhankelijkheid op voor Europa in 't algemeen en in 't bijzonder voor ons +arme vaderland. + + + + +Bibliographie + + +H. Pirenne, _Histoire de Belgique_. 2 deelen. 1900-1903 (Nederl. vertaling +door R. Delbecq, 1904) -- P. J. Blok, _Geschiedenis van het Nederlandsche +Volk_. 6 deelen. 1892-1904. -- Eug. Van Bemmel, _Patria Belgica_. 3 deelen. +1873-1875. -- Julius Vuylsteke, _Inleiding_ tot de _Korte statistieke +Beschrijving van Belgie_, 1869, herdrukt in zijne _Verzamelde +Prozaschriften_ (1887) en in zijne _Historiebladen_ (1904). + + + + +DE REGEERING VAN KONING WILLEM I + +DOOR + +VICTOR FRIS + + +De rampzalige aftocht uit Rusland had de macht van den grooten dwingeland +bepaald geknakt. Wel poogde Napoleon met nieuwe krachten den aanval der +legers van het Verbond van al de Europeesche mogendheden te stuiten, doch +hij werd te Leipzig (October 1813) verslagen. Terstond hieven al de volken, +die Bonaparte zoolang onder zijn hiel gehouden had, het hoofd op en +schudden het gehate juk met een zucht van verlichting af. Overal brak bij +het naderen der troepen der Geallieerden de opstand los en sloeg van +Westfalen naar Holland over. Amsterdam gaf het sein der verlossing (15en +November 1813); de Pruisen en de Russen verjoegen de Fransche generaals, +terwijl de Engelschen in Zeeland landden. + +Reeds op 16en November aanvaardden twee patriotten, de graven van Hogendorp +en van der Duyn, de souvereiniteit der oud-Vereenigde Provincien in naam +van den prins Willem van Oranje; veertien dagen later ontscheepte de zoon +van den oud-stadhouder te Scheveningen, en op 1en December nam hij in den +Haag den titel van Souvereinen Vorst der Vereenigde Provincien. + +Intusschen rukten de verbonden legers Frankrijk binnen; het leger van het +Noorden onder Bernadotte's bevel trok langs Belgie op Parijs af. De +schielijke vlucht der Fransche ambtenaren en de aantocht der Pruisen en der +Kozakken werden alhier met geestdrift onthaald, vooral in de Vlaamsche +gewesten, waar de herinnering aan den Boerenkrijg nog zoo levendig was. + +Den 4en Februari 1814 vaardigde, in naam der Vreemde Mogendheden, generaal +Karel van Saksen-Weimar een proclamatie tot de Belgen uit, waarin hij hun +de onafhankelijkheid liet verhopen en ze aanspoorde om troepen te lichten +ten einde hunne vrijheid te verdedigen. In overeenkomst met generaal Buelow, +stelde hij een Voorloopig Bestuur aan, en benoemde den +Oostenrijkschgezinden hertog van Beaufort-Spontin tot gouverneur-generaal; +deze werd al spoedig (den 29en Maart), op bevel van keizer Frans I, +vervangen door den generaal baron de Vincent, die echter slechts den 5en +Mei, een maand na Napoleon's troonafstand, bezit nam van zijn ambt. Den +30en Mei 1814 werd door het eerste verdrag van Parijs beslist, op het +aandringen van den Engelschen gevolmachtigde, dat Holland een uitbreiding +van grondgebied zou verkrijgen; door twee afzonderlijke en geheime akten +werd zelfs de uitgestrektheid dezer uitbreiding aangeduid, n.l. tusschen +Frankrijk, de zee en de Maas, ja zelfs tusschen de Maas en den Rijn. Drie +weken later bepaalden de gevolmachtigden der Geallieerden, in Conferentie +te Londen vereenigd, de voorwaarden der vereeniging van Holland met de +Belgische gewesten, bestaande uit de vroegere Oostenrijksche Nederlanden en +'t Prinsbisdom Luik met het Groothertogdom Luksemburg; prins Willem van +Oranje werd verzocht deze bij te treden, en in den meest liberalen zin te +werken om de volkomen _versmelting_ der beide landen te verwezenlijken +(21en Juni 1814). Die voorwaarden, in acht artikelen vervat, werden door +den Prins van Oranje een maand later aangenomen, doch voor 't publiek tot +het volgende jaar verborgen gehouden. Volgens artikel I moest die +vereeniging innig en volkomen zijn; beide landen moesten slechts een Staat +vormen, beheerd door de reeds in Holland aangenomen Grondwet, met de +noodige wijzigingen volgens de nieuwe omstandigheden. De volgende artikelen +verzekerden aan alle godsdiensten gelijke rechten en bescherming, aan alle +burgers gelijke benoembaarheid tot de openbare ambten; de Belgische +provincien zouden "op geschikte wijze" in de Staten-Generaal +vertegenwoordigd zijn en voortaan met de Hollandsche provincien lasten en +voordeelen dragen. De gedwongen, bepaalde afstand van de Kaapkolonie en van +de helft van Suriname was de belooning van Engeland voor deze weldaad +tegenover het huis van Oranje, dat Luksemburg verkreeg in ruiling zijner +bezittingen in Duitschland. + +Op 31en Juli 1814 gaf baron de Vincent het opperbestuur van ons land over +in handen van den Souvereinen Vorst der Nederlanden. Eindelijk waren de +verwachtingen die Willem sedert twintig jaren omtrent het bezit van Belgie +gekoesterd had, verwezenlijkt. + + * * * * * + +De vereeniging van Holland met Belgie, welke de Engelsche diplomatie sedert +lang beoogde, was eenvoudig een schikking in 't belang van Europa, dat +tusschen Maas en Rijn een sterken dam tegen de toekomstige pogingen der +Fransche veroveringszucht wilde opwerpen. De monarken van het Heilig +Verbond hadden het vorstenhuis van Oranje-Nassau willen bevoordeeligen. +Niet eens had men onze bevolking geraadpleegd; ook was er in de Zuidelijke +Provincien bijna niemand die de vereeniging met Holland toegedaan was; men +gevoelde weinig aantrekking voor dat land dat men niet kende. Overigens, +beide streken vertoonden zulk verschil in zeden, belangen, godsdienst en +zelfs in taal, dat dit gedwongen huwelijk met weinig ingenomenheid van wege +beide partijen aangezien werd. + +Wel waren Noord en Zuid stamgenooten, maar de geschiedenis had ze sinds +bijna 250 jaren gescheiden gehouden. Terwijl Belgie zonder politiek leven, +zonder eigenlijke zelfstandigheid van den Spanjaard naar den Oostenrijker +was overgegaan, om eindelijk door den Franschman te worden veroverd, had +Holland eene gewichtige historische rol gespeeld; en terwijl men in 't +Zuiden nog den druk van het vreemde juk gevoelde, boogde het Noorden met +fierheid op de trotsche overleveringen zijner heldendaden en zag daarom met +eene zekere minachting op het naburige volkje neder. + +Op intellectueel gebied veel hooger staande, beschouwden de Hollanders de +Belgen geheel als ondergeschikten, en deze houding kwam het verschil in +karakter nog verscherpen. + +Terwijl benoorden den Moerdijk taal en zeden van zuiver Germaanschen aard +gebleven waren, hadden, sedert de 16e eeuw, in het Dietsche zoowel als in +het Waalsche gedeelte der Zuidelijke Nederlanden, Fransche taal en Fransche +zeden de hoogere klassen veroverd; en die invloed van het naburige +Frankrijk was niet weinig versterkt gedurende de twintigjarige +overheersching van de Republiek en van het Keizerrijk. In scholen, +gerechtshoven, bestuur, vergaderingen, vereenigingen, dagbladen, openbare +of private briefwisselingen zwaaiden in de Vlaamsche gewesten de Fransche +spraak en de Fransche denkbeelden onbetwist den schepter. + +De Hollander, aan de voorvaderlijke levensgewoonten getrouw gebleven, was +stijf, koel, plechtig en teruggetrokken; de Belg, onder Franschen invloed +beweegbaar en losser in handel en wandel geworden, was van de moderne +denkbeelden die de Fransche Omwenteling met zich gevoerd had, doordrongen; +daarom ook werd de Fransche wetgeving in 't Zuiden met genoegen onthaald, +terwijl men ze in 't Noorden beschouwde als eene "nieuwigheid" door den +overweldiger opgedrongen. + +Even stoer stonden tegenover elkander de dweepzieke Katholieken van 't +Zuiden en de bekrompen Calvinisten van 't Noorden; de laatsten overtrotsch +om hunne onmiskenbare verstandelijke superioriteit, de eersten fier op +hunne zegepraal tegenover Jozef-de-Tweede's liberale hervormingen, en +tevens bereid om, na hunne lange onderwerping tijdens het Fransch bestuur, +de overhand van hunnen godsdienst te herstellen. + +Die verschillen, waarbij nog moet gevoegd worden de tegenstelling der +staathuishoudkundige belangen van beide landen -- handeldrijvend en dus +voorstanders van vrijen in- en uitvoer in 't Noorden, levend van nijverheid +en landbouw en daardoor beschermingsgezind in 't Zuiden -- waren oorzaak +dat er weinig neiging tot vereeniging bestond bij de Belgen, tenzij bij +zekere ontwikkelde lieden; zoodat de onhandige pogingen van de enkele +Orangisten, die de openbare meening tot de vereeniging moesten voorbereiden +tijdens het voorloopig bestuur van den hertog van Beaufort, de zaak van +prins Willem bijna in gevaar brachten. + +Machtig integendeel was de Fransche partij, gesteund door de regeering van +Lodewijk XVIII, die de hereeniging met Frankrijk wenschte. Zij was uit zeer +uiteenloopende bestanddeelen samengesteld. Zij bestond ter eener zijde uit +de partijgangers der Fransche denkbeelden. Deze stonden in bewondering voor +het regeeringsstelsel door de Republiek ingevoerd, dat in Belgie aan de +verschillende grondgebieden, aan de afwisselende locale gewoonten en +verouderde rechtsgebruiken, de eenvormigheid van bestuur, wetboeken en +rechtbanken, benevens de concentratie der openbare machten opgedrongen had. +Dan had men de menigte der uit Frankrijk teruggekomen Belgische +krijgslieden en ambtenaren die den grooten keizer gediend hadden, en wie +het tegen de borst stootte dat hun land onder de heerschappij van het +kleine Holland gesteld was. Eindelijk waren daar nog de Fransche ballingen +en uitwijkelingen, conventioneelen en bonapartisten, die de vervolgingen +van de clericale "Terreur blanche" uit Frankrijk ontvlucht waren. + +Een aanzienlijk gedeelte der bevolking, voornamelijk de geestelijkheid en +de adel, in een woord, de leiders der Brabantsche Omwenteling die zich +later met keizer Leopold verzoend hadden, betrachtte, na den val van +Napoleon, den terugkeer van onze provincien onder het Oostenrijksch +bestuur. De twee bevoorrechte standen beschouwden die herstelling van het +gezag der Habsburgers als innig verbonden met de herstelling van het Oud +Regime, waarvan zij droomden. + + * * * * * + +De ontvluchting van den Corsicaanschen dwingeland uit het eiland Elba +bedreigde plotseling het pas gevormde Rijk der Nederlanden. Willem maakte +gebruik van de algemeene verwarring in Europa, om zich op 14en Maart 1815 +den titel van Koning der Nederlanden toe te kennen. Daarna bezocht hij de +Zuidelijke gewesten, waar hij met uitbundige vreugde ontvangen werd: alzoo +betoogden de Belgen hoe gelukkig ze waren, van het langdurige Fransche juk +verlost te zijn, onder hetwelk zij niets anders dan afpersing, knevelarij, +geweldenarij en dwang gekend hadden. + +Zonder dralen riep hij 25,000 Belgen te wapen, die in spoed opgekomen en +met evenveel Hollanders vereenigd, onder bevel van den prins van Oranje, +zijn oudsten zoon, het Engelsch leger van Wellington gingen versterken. De +Nederlandsche troepen vochten met leeuwenmoed te Quatre-Bras, en twee dagen +later, toen het Fransche Keizerrijk ten onder ging in de vlakte van +Waterloo (18en Juni 1815), zei Wellington dat hij hunne dapperheid niet +genoeg kon prijzen. Die strijd van Hollanders en Belgen zij aan zij, droeg +veel bij tot eene toenadering tusschen beiden. De Nederlandsche Leeuw werd +te Waterloo opgericht als een gedenkteeken van Europa's bevrijding en van +Nederlands roemrijk aandeel in die overwinning. + +Het Congres van Weenen erkende Willem als koning der Nederlanden, als +belooning voor zijne krachtdadige tusschenkomst; en door het tweede Congres +van Parijs verkreeg hij eene uitbreiding van grondgebied, n.l. het +hertogdom Bouillon, Philippeville en Mariembourg (20en November 1815). + +Uit een oeconomisch oogpunt was het Rijk, waarover Willem nu heerschte, eene +prachtige schepping; nooit was een land zoo plotseling in een zoo +voordeeligen toestand geplaatst, want het was tegelijkertijd machtig door +de rijkdommen van den grond, den handel en de scheepvaart. Bezat Holland +groote havens, waar onophoudend de belangrijke handelsvloot van hare +millioenrijke kooplieden de schatten van het weelderige Insulinde of van +andere kolonien binnenvoerde, Belgie, met zijne vruchtbare landouwen -- de +klassieke grond van landbouw en veeteelt -- met zijne ijzer-, kool- en +loodmijnen, door eene nijverige bevolking uitgebaat, vond in zijnen grond +de schatten, die Holland op den Oceaan zocht. Beide landen vulden elkander +aan. + +Overigens, was het volk in twee groote afdeelingen gesplitst en in vele +opzichten gescheiden, in andere opzichten hing het samen; er bestond meer +dan een overgang tusschen de twee landstreken, dien men tot het vormen van +een gemeenschappelijk leven kon benuttigen. Doch evenals alle willekeurig +geschapene inrichtingen, bezat dit kunstmatige rijk slechts weinig vastheid +op zich zelf, en het moest recht gehouden worden door de talenten van zijn +Vorst. + +[Figuur: Willem I] + +Deze Vorst, wien de moeilijke taak was opgedragen, de samensmelting van +deze twee landen te voltooien, bezat groote hoedanigheden. Hij was een +toonbeeld van huiselijke en persoonlijke deugden; hij onderscheidde zich +door zijne minzaamheid en rechtschapenheid; hij was zeer verstandig en +bezat een sterk geheugen. + +Willem I streefde er naar, de genegenheid zijner onderdanen te winnen, en +verleende op gestelde dagen, iedere week, gehoor in zijn paleis aan groot +en klein, arm en rijk. Zeer werkzaam, strekte hij zijne bedrijvigheid uit +over bezigheden van zeer uiteenloopenden aard. + +Maar de Vorst was ook een man van zaken, dien de geldzucht bijna tot de +gierigheid dreef. Zijne verwaandheid over de onfeilbaarheid van zijn +oordeel, zijne koppigheid en zijn gemis aan doorzicht, droegen veel bij tot +zijne impopulariteit, en zijn bestuur vonden de Belgen des te +onverdragelijker, daar hij protestant en Hollander was. + +Ziedaar de man van wiens persoonlijk karakter en bestuurlijke begaafdheid +het afhing in hoeverre de Hollanders en de Belgen zich broederlijk als +zonen van hetzelfde vaderland zouden leeren beschouwen. + +De prins van Oranje, de oudste zoon van den Koning, en Wellington's +leerling in den krijg, verschilde volkomen met zijn vader wat karakter en +denkwijze betreft. Zeer eigenzinnig en, als gemaal eener Russische +groothertogin, zeer hoogmoedig, werd hij weldra door den Koning uit het +bestuur van het krijgswezen ontzet, en gedurende tien jaren van de +staatszaken verwijderd. + +Zeer ontwikkeld en zeer geliefd, oefende prins Frederik, Willem's tweede +zoon, als grootmeester der Nederlandsche vrijmetselarij, een zekeren +invloed uit op de liberale partij in Zuid-Nederland. Het beleid van 't +krijgsbestuur werd hem in 1817 opgedragen; doch evenals zijn vader, miste +hij bezieling en geestdrift en kon die dus aan anderen niet mededeelen. + +Willem koos in den beginne voorname en ervaren mannen als ministers, meest +allen Noord-Nederlanders. Maar noch Gijsbert Karel van Hogendorp, een +ontwikkeld staatsman, een edel en open karakter, aan wien de koning zijne +kroon verschuldigd was en die zeer goed ingelicht was omtrent het bestuur +van het land; noch de bekwame en kundige Falck, die inschikkelijker was, +noch Van Nagel, noch Roell, konden lang overeenkomen met een Koning, die +alles alleen wilde doen en voor de persoonlijke regeering was in den echten +zin van het woord. + +[Figuur: A. R. Falck] + +Hoe kwam het dat in den beginne het bestuur van Willem in 't buitenland +geprezen werd als het toonbeeld van een goede liberale regeering? Dit +dankte hij aan zijne zelfstandige houding op het Congres te Weenen +tegenover de reactionnaire vorsten van Pruisen en Rusland; voorts aan de +gastvrijheid die hij aan de bannelingen van alle natien verleende, op het +oogenblik dat de Europeesche landen onder de bloedige verdrukking van de +vorsten van de Sainte-Alliance zuchtten; en eindelijk aan het schenken van +eene Grondwet aan zijne onderdanen. + + * * * * * + +Uit eigen beweging had Willem, in Maart 1814, een Grondwet aan Holland +gegeven. Deze verleende het volk meer vrijheid en meer waarborgen dan in de +voormalige Vereenigde Provincien, maar verzekerde ook aan den Vorst een +uitgebreider macht dan ooit een stadhouder bezeten had. Dadelijk na de +oprichting van de Nederlanden tot koninkrijk, was een commissie tot stand +gekomen om de Grondwet te herzien en om de noodige veranderingen er aan toe +te brengen, in overeenstemming met den nieuwen staat van zaken (22en April +1815). G. K. van Hogendorp zat die commissie voor, samengesteld uit 12 +Hollanders en 12 Belgen. Onder deze laatsten telde men de reactionnaire +graven de Merode, de Mean en de Thiennes met den griffier Raepsaet, verder +radicalen als Dotrenge en Leclercq, en twee knappe en vooruitstrevende +mannen, Gendebien vader en Holvoet. + +Hevige redetwisten grepen plaats over de ministerieele +verantwoordelijkheid, die verworpen werd ondanks de liberalen. Men kon het +ook niet eens worden over de aanduiding van de hoofdstad, Amsterdam of +Brussel, en daarom besloot men geene melding hiervan te maken. De nationale +vertegenwoordiging vooral was het voorwerp van langdurige beraadslagingen. +Niettegenstaande Hogendorp's tegenwerpingen die slechts eene Kamer +wenschte, werd, op Raepsaet's voorstel, beslist dat men er twee zou hebben, +die den verouderden en volkomen iets anders beteekenenden naam van +Staten-Generaal behielden. + +De Belgische aanhangers van het Oud Regime vroegen de vertegenwoordiging +der drie standen; maar dit was onmogelijk in Holland, waar de abdijen +afgeschaft en de ambachtsgilden verdwenen waren. Dan stelden ze voor om den +adel en de bisschoppen in de Eerste Kamer te doen treden; dit alweer werd +afgestemd en de geestelijkheid hield daardoor op als een bijzondere stand +herkend te worden. + +Men besloot dat de Hooge Kamer bestaan zou uit 40 of 60 leden, levenslang +door den koning benoemd; en de Tweede Kamer uit 55 Hollanders en 55 Belgen +gekozen voor 3 jaar door de Provinciale Staten, met jaarlijksche +vernieuwing van een derde. + +Vruchteloos verzette zich Gendebien tegen de gelijkheid in het getal der +afgevaardigden van de Tweede Kamer, omdat Belgie 3 millioen inwoners en +Holland er minder dan 2 millioen bezat. Van Maanen antwoordde dat de +Vereenigde Provincien sedert twee eeuwen als een zelfstandige Staat +bestonden, en het overwicht der Belgen niet zouden dulden, en Hogendorp +voegde er bij, dat men het belang der Hollandsche kolonien met hunne +millioenen inwoners en de intellectueele ontwikkeling der Noorderprovincien +niet uit het oog mocht verliezen. In die omstandigheden werd het voorstel +der regeering door al de Hollanders en door twee Belgische afgevaardigden +(De Mean en De Merode) aangenomen. + +Het was zoo moeilijk om de artikelen te doen aannemen, over de volkomen +geloofsvrijheid, over de gelijke bescherming van alle godsdiensten en over +de benoembaarheid van alle burgers tot de openbare ambten, dat het noodig +was de verplichting in zake gewetensvrijheid in te roepen, door de groote +Mogendheden in het Protocol van Londen of Verdrag der acht artikelen den +Koning opgelegd; dit werd nu eerst aan de bevolking bekend gemaakt. + +Nauwelijks was het ontwerp opgesteld (18en Juli 1815), of de Raad van de +Kroon stelde een lijst der Belgische notabelen op, die de Grondwet zouden +aannemen of verwerpen. Ze waren ten getale van 1600, een per twee duizend +inwoners, en werden benoemd door een soort van bekrachtigende stemming door +middel van het algemeen stemrecht. Het ontwerp van Grondwet was, op +voorhand, in 't geniep medegedeeld aan de bisschoppen De Broglie van Gent, +Pisani van Namen en Hirn van Doornik. Den 28en Juli richtten zij +_Eerbiedige Opmerkingen_ tot den Koning, waarin zij de gewetensvrijheid als +eene gevaarlijke nieuwigheid bestempelden, en zich beklaagden dat de +geestelijkheid, vroeger de eerste stand in den Staat, nu uit de wetgevende +vergaderingen en uit de lijst der notabelen gesloten was, en dat zij niet +eens het recht bezat de onwaardigen van deze lijst te schrappen. Daar de +Koning aan die eischen geen gehoor gaf, besloot de strijdlustige en +dweepzieke bisschop van Gent in het perk te treden. + +In zijn herderlijken omzendbrief van 2en Augustus verbood hij aan al de +notabelen van zijn bisdom voor de nieuwe Grondwet, die de vrijheid van +godsdienst en de gelijkheid van de eerediensten waarborgde, te stemmen. Het +gevolg was dat, terwijl de Staten-Generaal in Holland eenparig de Grondwet +aannamen, de Belgische notabelen, op 18en Oogst 1815 te Brussel vergaderd, +met 796 stemmen tegen 527, diezelfde Grondwet verwierpen. In de vier +arrondissementen van Oost-Vlaanderen telde men slechts 67 stemmen voor en +168 tegen. Bijna al de ontkennende stemmen waren gegrond op de artikelen +190 en volgende, aangaande de gewetensvrijheid; 126 briefjes hadden dit +uitdrukkelijk verklaard. + +De Koning, die zulks niet verwacht had, en overigens gebonden was door het +Verdrag van Londen, toonde zich erg verbolgen. Nochtans, daar het ontwerp +de meerderheid had in de Nederlanden door de eenparige stemmen van de +Staten-Generaal in het Noorden, besloot hij over de moeilijkheid heen te +stappen. Hij verklaarde dat hij de afwezige notabelen, 280 in getal, als +goedkeurende stemmers beschouwde; hij vernietigde het honderdtal +ontkennende gemotiveerde briefjes die hij onwettig vond, en na deze +zonderlinge berekening kondigde hij af dat de Grondwet aangenomen was (24en +Augustus 1815). + +De Grondwet verzekerde de vrijheid van persoon, van eigendom en van +geweten, en ook, doch slechts in zekere mate, die van drukpers; want een +streng besluit, den 20en April 1815 tijdens Napoleon's inval uitgevaardigd, +waarbij zekere persmisdrijven, als het verspreiden van valsche geruchten en +dergelijke, met brandmerk, zes jaar gevangenisstraf en duizend frank boete +gestraft werden, werd niet ingetrokken. + +De koninklijke macht was beperkt door eene volksvertegenwoordiging, maar de +vorst benoemde de leden van de Eerste Kamer, en in de Tweede Kamer bezaten +de afgevaardigden noch het recht van wijziging noch dat van initiatief. +Verder bestond er geene ministerieele verantwoordelijkheid; de ministers +waren de dienaren van den vorst, niet van de natie. + +De begrooting moest door de Staten-Generaal goedgekeurd worden; doch was +verdeeld in een buitengewoon budget dat alleen jaarlijks onderzocht werd, +en in een gewoon budget waarover slechts alle tien jaren moest gestemd +worden, zoodat een toezicht over de financien schier onmogelijk was. + +In het rechtswezen had een eenvoudig besluit van November 1814 reeds de +jury, die de koning eene instelling der barbaarsche tijden noemde, +afgeschaft; en de onafzetbaarheid der rechters was slechts voor lateren +tijd beloofd. + +Een additioneel artikel bepaalde dat alle gevestigde overheden in hun ambt +bleven en alle in zwang zijnde wetten hun kracht behielden, totdat daarin +op andere wijze zou worden voorzien. Dit liet, onder 't deksel van +wettelijkheid, de deur open voor allerlei willekeur, daar het opstellen van +sommige noodwendige wetten op de lange baan werd geschoven. + +Men ziet daardoor dat de Vorst zich een aanzienlijk overwicht in de +regeering voorbehouden had. Het koninkrijk der Nederlanden was +constitutioneel alleen in naam, 't was eene monarchie door eene Grondwet +gematigd. + +En nochtans was die Grondwet, vergeleken bij hetgeen toen ter tijde op +Europa's vasteland gebeurde, zoo vrijzinnig, dat zij in den grond algemeen +goed onthaald werd. Zelfs de katholieke De Gerlache keurde ze goed; maar +wat de Belgen ergerde, waren de voorwaarden betrekkelijk de gelijkheid van +'t getal volksvertegenwoordigers, en hetgeen in 't bijzonder de katholieken +niet konden aannemen was de gewetensvrijheid. Wat juist bijdroeg tot de +scheiding tusschen Noord en Zuid, alhoewel de Mogendheden aan Willem de +volkomen samensmelting van de twee landen opgedragen hadden, was de +gelijktallige volksvertegenwoordiging en het aanstellen van twee +hoofdsteden, Brussel en den Haag, waar afwisselend de Staten zouden +zetelen, alsof de keus van Antwerpen zich niet had moeten opdringen. + + * * * * * + +Nauwelijks had Willem, den 21en September 1815, te Brussel zijn eed +afgelegd en zijn plechtige inhuldiging gevierd, of een hardnekkig verzet +werd door de Belgische bisschoppen tegen art. 190 en 191 van de Grondwet +begonnen. + +De inrichting van de katholieke kerk in Belgie was sedert jaren door +Napoleon's Concordaat geregeld. Tijdens het Voorloopig Bestuur had men +besloten dat de kerkelijke zaken in de handen der geestelijken zouden +blijven. Den 26en Mei 1814 was de vurige Maurits de Broglie, een zoon van +den Franschen maarschalk van dien naam, naar zijn bisdom Gent teruggekeerd, +gestaald door den langen weerstand dien hij den machtigen Keizer had +geboden. Die vreemdeling, teleurgesteld omdat Belgie aan de heerschappij +van de Bourbons, die krachtdadige beschermers van de geestelijkheid, +ontsnapte, en in beginsel een protestantschen vorst vijandig, onderhield +gedurende zes jaren een zeer gevaarlijke gisting onder de Belgische +onverdraagzame en dweepzieke katholieken. Reeds den 8en October 1814 deed +hij door zijnen vicaris-generaal, den Franschman Lesurre, een memorie +opstellen, gericht tot de afgevaardigden op het Congres van Weenen. Daarin +vroeg hij: de teruggave aan de geestelijkheid en aan de kloosters van al +hunne oude voorrechten, de herstelling van de tienden en van de kerkelijke +rechtbanken, de toekenning van het bestuur van het onderwijs aan de +prelaten, het verbod van oprichting van protestantsche tempels; maar hij +liet nochtans toe, dat de vorst binnen zijn paleis de protestantsche +godsdienstoefeningen mocht houden. De leden van het Weener Congres lieten +dit stuk natuurlijk zonder antwoord. + +Wij hebben gezien hoe heftig Maurits de Broglie het volgende jaar het +ontwerp van de Grondwet bestreed. Door talrijke edellieden en door de +reactionnaire partij in 't algemeen ondersteund, voerde de geestelijkheid +een hevigen strijd tegen de Grondwet, ter wille van de artikelen over de +gewetensvrijheid. De ultra-katholieke partij zag niet in, dat een terugkeer +tot den ouden staat van zaken onmogelijk was; zij hield geen rekening met +den ommekeer in de denkbeelden teweeggebracht. Door gansch West-Europa +eischte de openbare meening de onbeperkte vrijheid van denken; in Belgie +zelf bestond er een aanzienlijke liberale groep, radicalen, oud-Vonckisten +of Voltairianen, die niet alleen de godsdiensten onverschillig, maar ook +vijandig waren, benevens gematigden of doctrinairen die den voorrang van +de burgerlijke macht op de geestelijke luide verkondigden. En het was juist +dit kenmerk van den Nieuwen Tijd, die zucht naar ontvoogding van den +menschelijken geest, die de klerikale partij zoo hevig bekampte. + +Ook toen de bisschoppen in hunne _Herderlijke onderrichtingen_, oorzaak van +het verwerpen van de Grondwet door de Belgische katholieken, verklaarden +dat zij "dit verderfelijk grondbeginsel, gansch tegenstrijdig met het +katholiek geloof, dat alle godsdiensten even goed zijn" niet konden +aannemen, voer de Koning in zijne bekrachtigingsverordening van de Grondwet +uit "tegen deze lieden die de maatschappij tot voorbeeld van +verdraagzaamheid en van evangelische liefde zouden moeten strekken". In +zijn verzet tegen de aanmatiging der Belgische geestelijkheid, wist hij +overigens dat hij volkomen in den geest zijner Hollandsche onderdanen +handelde. + +Toen de Grondwet toch aangenomen werd, kondigden de bisschoppen een +_Leerstellige Uitspraak_ (Jugement doctrinal) af, waarin ze zeiden dat de +Katholieke Kerk het volk verplichtte zich te verzetten tegen de Grondwet. +Zij verboden aan al de geloovigen, wilden zij zich niet schuldig maken aan +het ergste verraad tegenover de heiligste belangen van den godsdienst, de +verschillende eeden af te leggen, die de Grondwet voorschrijft; verder +teekende bisschop De Broglie, die de voornaamste opsteller van het +mandement was, protest aan tegen art. 196, waardoor aan den Koning was +opgedragen om te zorgen dat de verschillende eerediensten zich onderwierpen +aan de wetten van het land. Dientengevolge noodigde de bisschop van Gent +zijne geestelijkheid uit, om de absolutie te weigeren aan de notabelen, +afgevaardigden en burgemeesters die den eed aan de Grondwet zouden zweren +(14en Mei 1816). Dadelijk weigerden talrijke openbare ambtenaren hun ambt +te bekleeden, en de leiders van de katholieke partij, de fanatieke Robiano +de Borsbeek, de graaf de Merode en de hertog van Beaufort wilden hunnen +zetel, ondanks 's Konings misnoegen, in de Eerste Kamer van de +Staten-Generaal niet aanvaarden. + +De weigering van absolutie had, vooral in Vlaanderen, eene geweldige +gisting in de gemoederen verwekt. De _Leerstellige Uitspraak_ oefende +nochtans den invloed niet uit, dien De Brogue verhoopt had, want Paus Pius +VII en de legaat Consalvi, alhoewel geenszins den weerstand van de +bisschoppen lakende, toonden zich niet geneigd om de betrekkingen met de +Nederlandsche regeering te bederven. De laatste prins-bisschop van Luik, +prins de Mean, was door Willem tot aartsbisschop van Mechelen aangeduid; +maar uit Rome verwachtte men nog zijn aanstelling tot dit ambt. Als lid der +Eerste Kamer had reeds deze grijsaard den grondwettelijken eed afgelegd, +doch onder voorbehoud van de pauselijke goedkeuring. De vernuftige +Reinhold, gezant van Nederland bij het Vatikaan, gelukte er in het geschil +tot eene minnelijke schikking te brengen: De Mean stelde eene openbare +verklaring op, waarin hij bekende dat zijn eed hem tot niets verplichtte +dat in strijd was met de leer der Kerk, en dat hij de grondwettelijke +bescherming, zonder onderscheid aan alle eerediensten toegezegd, slechts +uit een burgerlijk oogpunt opvatte (18en Mei 1817). Daarop werd De Mean +door den Paus aangesteld, en hield weldra als aartsbisschop zijne plechtige +intrede te Mechelen. De verklaring van den primaat stilde de gemoederen; +vele geestelijken en leeken, die tot dan toe den eed hadden geweigerd, +legden hem in denzelfden zin af. + +In Vlaanderen nochtans bleef de toestand gespannen: de absolutie werd +voortdurend aan de partijgangers van de regeering geweigerd; de +geestelijkheid ruide de dweepzieke bevolking door allerlei vlugschriften +op. De regeering besloot het gerecht te doen optreden. + +Priester De Foere uit Brugge, beticht ophitsende artikels in zijn Fransch +tijdschrift te hebben geschreven, werd, krachtens het besluit van 20en +April 1815, tot twee jaar gevangenis veroordeeld (21en Maart 1817). + +Die onpolitieke daad werd vijf dagen later door een bevel van aanhouding +gevolgd, door den procureur-generaal tegen bisschop De Broglie +uitgevaardigd. De bisschop vluchtte naar Frankrijk; zijn proces werd bij +gebrek aan een Hooger Gerechtshof door een Voorloopig Hof beoordeeld. Hij +werd bij verstek tot de deportatie verwezen om zich tegen de aflegging van +den eed verzet te hebben en zonder oorlof in briefwisseling met den Paus +getreden te zijn (8en November 1817). Om zich over zijne ontvluchting te +wreken, liet de regeering zijn vonnis te Gent, op eenen marktdag, tusschen +twee tentoongestelde misdadigers aan de kaak aanplakken. Dit was de +aanhangers van den bisschop nutteloos uitdagen; daarmee vernielde men den +goeden indruk door het rechtmatige vonnis tegen hem teweeggebracht, en de +verbannen prelaat won veler genegenheid. Dit bleek klaar, toen de regeering +de met De Broglie in briefwisseling staande vicarissen-generaal van Gent +wederrechtelijk voor het tribunaal daagde: zij zag ze vrijspreken en het +gepeupel het vonnis met luid gejubel begroeten. + +De dood van den strijdlustigen prelaat (20en Juli 1821) bracht dadelijk +eene verzoening met de geestelijkheid teweeg. Na zes jaren strijd legden de +vicarissen-generaal van Gent den voorwaardelijken eed af, en een menigte +priesters volgden dit voorbeeld. + +Het scheen dus dat de Koning en de katholieke geestelijkheid voortaan in +vrede gingen leven; maar in Vlaanderen zetten de priesters in 't geniep +hunne kuiperijen tegen de regeering voort en verspreidden ondanks de +waakzaamheid der overheden ontelbare libellen onder het volk; de onhandige +besluiten van 1825 zouden den strijd hardnekkiger dan ooit aanvuren. + +Gedurende dien wapenstilstand tusschen Kerk en Staat, waren er, door de +onbehendigheid van de regeering, andere oorzaken van misnoegdheid ontstaan. +Gansch Belgie door morde men, omdat de Zuid-Nederlanders benadeeld werden +in het verleenen van de openbare ambten. Men had opgemerkt dat er in 1815 +onder de ministers slechts een Belg, de hertog van Ursel, aan het +departement van den Waterstaat aangesteld, was; wanneer hij dit ambt in +1819 neerlegde, werden al de Belgische ingenieurs, door hem benoemd, +vervangen door Hollanders. Al de hoogere ambten in het diplomatisch korps, +in het leger, eigenden deze laatsten zich toe; ook in alle burgerlijke +betrekkingen genoten zij de voorkeur. Men wees er op, hoe de voornaamste +instellingen van de regeering en van het bestuur in het Noorden gevestigd +waren; het was kenmerkend hoe, alle twee jaren, bij de verplaatsing van de +Staten-Generaal naar Brussel (art. 98 van de Grondwet), het Hof, de +Staatsraad en de ministers wel tijdelijk verhuisden, maar de bureaux in den +Haag bleven en de overgekomen beambten reis- en verblijfkosten ontvingen, +als waren zij in den vreemde. Voor het overige gedroegen zich de +Hollandsche ambtenaren, namelijk in het verachterde Vlaamsch-Belgie, waarop +zij met minachting neerzagen, met eene trotsche stijfheid, die hun de +sympathie van de bevolking ontnam en hevige verbittering tegen de +"Kaaskoppen" deed ontstaan. + + * * * * * + +Intusschen vleide zich de Koning met het denkbeeld dat hij de gunst en de +dankbaarheid der zuidelijke bevolking zou winnen, met zich in te spannen +voor hunne oeconomische belangen. Hij gebruikte de Hollandsche +koopvaardijvloot om de talrijke producten der Belgische nijverheid naar den +vreemde en vooral naar de Nederlandsche kolonien uit te voeren. Daarom +moesten havens ingericht worden. De Scheldekaai en de Stapelplaats in +Antwerpen werden voltooid; het getal binnengeloopen schepen steeg tusschen +1818 en 1829 van 585 tot 1028; ook te Oostende kwamen jaarlijks meer dan +500 vaartuigen binnen. De eerste stoombooten verschenen op de Schelde reeds +in 1824. Van Gent naar Terneuzen werd eene breede vaart (1825-1827) +gegraven, die aan de eerste stad eene prachtige haven schonk sedert het +aanleggen van de dokken. Het kanaal van Pommeroeul naar Antoing liet de +koolschepen toe van de Hene naar de Schelde te varen, zonder op Franschen +bodem te gaan, het Zuid-Willemskanaal (1822) bracht Maastricht met 's +Hertogenbosch in verbinding, en de vaart van Charleroi naar Brussel zou +weldra Rupel en Samber verbinden. Overal werden steenwegen door het land +getrokken om het vervoer te vergemakkelijken, en dusdoende handel en +nijverheid te bevoordeeligen. + +In 't algemeen mag men zeggen dat de Koning, wat de stoffelijke belangen +betreft, Belgie meer begunstigde dan Holland. Om Engelands mededinging op +Insulinde te kunnen weerstaan, gaf het handelshuis gebroeders De Smet te +Gent aan de regeering den raad om de invoerrechten op de Engelsche +manufacturen in Java te verhoogen, en terzelfdertijd onze nationale +scheepvaart en handel krachtig te steunen. Einde Maart 1824 kwam de +_Algemeene Handelsmaatschappij_ tot stand, met een fonds van 37 millioen, +waarvan 4 door den Vorst zelf ingeteekend. Zij stelde zich tot doel den +uitvoer te vergemakkelijken door uitsluitend nationale schepen te +gebruiken, en zoo ziet men den handel, die in 1824 de som van 215 millioen +gulden bedroeg, in drie jaren tijds tot 350 stijgen. + +Deze Handelsvereeniging was de noodzakelijke aanvulling der _Algemeene +Maatschappij tot begunstiging der nationale nijverheid_ (28en Aug. 1822), +die mijnen en fabrieken tot den heerlijksten bloei ontwikkelde. Dit machtig +geNotenchap, gesticht met een kapitaal van 50 millioen, schoot aan de +nijveraars aanzienlijke gelden voor. De belangstelling van Koning Willem in +John Cockerill's onderneming te Seraing is voldoende bekend. Gent, dat +16,000 spinners en wevers telde, leverde bijna alleen de veertig duizend +stuks katoen die Java jaarlijks gebruikte; van 1823 tot 1825 klom het getal +textielfabrieken met elf, en in 1830 telde de stad niet minder dan 62 +weefgestichten; de Phoenix, eene belangrijke mekaniekfabriek aldaar, werd +insgelijks door den Koning gesteund. + +Brussel behield het monopolium van weelde- en modeartikels, zooals +borduurwerk en lint. Te Verviers en te Dison nam de lakenweverij een +nieuwen bloei; de tapijtweverij en het porseleinwerk kwamen weer op te +Doornik. Met behulp der regeering verrezen hoogovens met coke te Couvin en +te Seraing, en bijzonderen bouwden er te Couillet. Men ontgon de koolmijnen +in de Borinage en in het Luikerland met koortsachtigen ijver, en in 1825 +bracht de glasblazerij van Val-St-Lambert bij Luik hare eerste kristallen +op de markt. Daarbij verspreidde zich snel het gebruik der stoommachines +met hooge drukking; Gent bezat er slechts drie in 1819, en tien jaren later +reeds 50. Eerst voerden de bijzonderen, kort daarop de stedelijke besturen +(1827), de gasverlichting in. Nieuwe nijverheden, als het kaarsgieten en +het maken van kunstbronzen, rijzen op, dank zij de milde bescherming van de +regeering. + +Men mag dan ook zeggen dat het Nijverheidsfonds, dat is het millioen gulden +dat de Staten-Generaal jaarlijks ter beschikking van den Koning stelden om +de nijverheid te begunstigen, meer bij Belgische dan bij Hollandsche +fabrikanten terecht kwam. Dank zij den aanhoudenden uitvoer naar Insulinde +was het loon der arbeidende klassen tamelijk hoog, en werk was er bijna +altijd verzekerd; bij verplichte staking zag men dikwerf den Koning met +aanzienlijke sommen ter hulp der werkloozen komen. + +Willem zorgde ook voor den Belgischen landbouw en veeteelt; maar hier +stuitte hij op den ouden slenter en op de onwetendheid van de Vlaamsche +boeren; echter door de belasting op de vreemde granen konden de inlandsche +hunne waarde behouden. Want Willem had de koopwaren, waarvan men er genoeg +bezat om ze te kunnen uitvoeren, door middel van zeer hooge invoerrechten +beschermd, niettegenstaande den tegenstand van de Hollanders, partijgangers +van den vrijhandel. De weefstoffen, de ijzerwaren, de stoomwerktuigen, de +steenkolen uit Belgie konden alzoo tegen de vreemde voortbrengselen +concurreeren. + +De tentoonstellingen der nationale nijverheid te Gent (1820), te Haarlem +(1825) en te Brussel (1830) gaven klinkende bewijzen van den nationalen +voorspoed. En de cijfers der bevolking, die op den tijd van 13 jaar +(1816-1829) van 615 tot 733 duizend in Oost-Vlaanderen en van 519 tot 601 +duizend in West-Vlaanderen geklommen was, getuigen genoeg van den +stoffelijken vooruitgang. + +[Figuur: B. Schreuder] + +Willem wilde tegelijk op intellectueel gebied bewerken, wat hij op +oeconomisch terrein volbracht had. Wat den Vorst in Vlaamsch-Belgie vooral +getroffen had, was de diepe onwetendheid, een gevolg van den rampzaligen +achterlijken toestand van het onderwijs. Daar de lagere volksscholen zeer +verwaarloosd waren, besloot de Koning in 1815 in Belgie de Hollandsche +schoolwet van 1806 toe te passen, waarbij het lager onderwijs, onzijdig en +kosteloos, door gediplomeerde onderwijzers gegeven, onder het toezicht van +den Staat verstrekt werd. Te Lier werd eene kweekschool voor onderwijzers +opgericht, onder het bestuur van den knappen Schreuder, een katholiek +onderwijzer uit Holland, die zich schitterend van zijne taak kweet. Weldra +was er geen enkel dorp zonder lagere school; in vijftien jaar tijds liet +Willem's regeering meer dan 1100 schoolgebouwen en 650 woningen voor +onderwijzers oprichten, en de vier duizend Staatsscholen telden op het +einde meer dan drie honderd duizend leerlingen. Volgens een ministerieel +verslag van 1826 zouden er, op eene bevolking van zes millioen zielen, nog +slechts 240,000 personen aan te treffen zijn, die noch lezen noch schrijven +konden. Ruim voorzagen gemeenten, provincien en Staat in het onderwijs en +de toelage aan jaarwedden steeg van 158,000 fr. tot 448,000 fr. + +Tegelijk was de beurt aan het middelbaar onderwijs. Door het reglement van +25en September 1816 werden, bij de twee nog bestaande keizerlijke lycea te +Brussel en Luik, de athenea van Brugge, Gent, Doornik, Antwerpen, +Luksemburg, Namen en Maastricht gevoegd. De ingedommelde stedelijke +colleges werden heropgebeurd. Van 1818 tot 1825 klom het getal leerlingen +van de Latijnsche scholen met een derde, en de colleges en athenea telden +in laatstgenoemd jaar 5,500 studenten. + +Hetzelfde hooger genoemd besluit van 1816 richtte in het Zuiden drie +hoogescholen op, evenveel als in het Noorden; namelijk te Leuven, te Luik +en te Gent; het getal studenten klom voor de drie, van 892 in 1820 tot 1557 +in 1828. Naast talrijke Belgen waren aan de hoogescholen als professoren +aangesteld jeugdige Hollandsche geleerden, zooals Kinker, Thorbecke, +Holtius en Ackersdijk, of Duitschers als Warnkoenig, Haus en Biernbaum. + +Die prachtige inrichting van het onderwijs was grootendeels het werk van +den knappen minister Falck. Voegt men daarbij de lofwaardige pogingen van +het bijzonder initiatief, vertegenwoordigd door de machtige vereeniging +_Tot Nut van 't Algemeen_, die zich uit Noord-Nederland naar +Vlaamsch-Belgie uitbreidde, en in het belang van het volksonderwijs +openbare bibliotheken en scholen voor volwassenen stichtte, dan rijst voor +ons oog een prachtig tafereel van de verstandelijke wedergeboorte van onze +Vlaamsche gewesten. + +Om het gebouw te bekronen werd de Brusselsche Academie voor wetenschappen +en fraaie letteren, door keizerin Maria Theresia gesticht, maar door de +Fransche Republiek afgeschaft, door Willem I opnieuw in 't leven geroepen +(18en November 1816) en 't Instituut der Nederlanden schitterde weldra +onder de geleerde geNotenchappen van Europa. Hier en daar werden zelfs +muziekscholen opgericht; en zoo ook was 't aan Willem te danken, door de +stichting der schilderscholen te Antwerpen en te Amsterdam, dat onze +Vlaamsche schilderschool omstreeks 1830 met Wappers en anderen mocht +herleven. Onnoodig te zeggen hoe dusdoende Willem zich de gunst der +liberalen verwierf. + +[Figuur: J. R. Thorbecke] + +Te Gent werd de _Maatschappij voor Nederlandsche Letterkunde_ (1821) +gesticht, en te Brussel het _Museum voor Natuurwetenschap en +Geesteswetenschappen_. Scholen voor handwerkkunst, gestichten voor +doofstommen, benevens talrijke inrichtingen van weldadigheid, volledigden +het stelsel. De bedelarij, een der plagen van 't land voor de vereeniging +met Holland, werd, door toedoen van de _Maatschappij van Weldadigheid_, +door 's Konings initiatief in 1821 gesticht, derwijze ingekrompen dat men +weldra in het koninkrijk der Nederlanden niet meer dan 46,000 +noodlijdenden telde, met de gevangenen, krankzinnigen en vondelingen +inbegrepen. + + * * * * * + +Dit heerlijk gebouw voor geestesontwikkeling werd geenszins geevenaard door +dit der wetgeving. Anti-franschgezind en anti-revolutionnair, wilde Willem +de laatste sporen der Fransche overheersching alhier doen verdwijnen. +Alhoewel Napoleon's wetboek in 't Zuiden bepaald ingeplant was, beschouwde +hij het, met de Hollandsche rechtsgeleerden, als slecht en gevaarlijk. +Nochtans bleef het volgens art. 2 der Grondwet, in gebruik tot verdere +schikking. Doch de besluiten van het Verbrekingshof te Parijs hielden op +rechtsgezag te hebben in Nederland. Overigens, volkomen ingenomen met de +Hollandsche landswetten, toonde hij weldra zijn neiging om tot dezelve +terug te keeren. Den 21en Augustus 1814 herstelde een besluit de stokslagen +in 't leger; wij hebben gezien hoe den 6en November de jury afgeschaft was +geworden alsook de openbaarheid van het rechterlijk onderzoek. Het ontwerp +door 't ministerie in 1820 ingediend, tot verandering van het Burgerlijk +Wetboek, leed schipbreuk voor de krachtdadige verdediging der Fransche +wetgeving door de twee Belgische afgevaardigden Dotrenge en Reyphins; men +vergenoegde zich dus met de volgorde der artikels van het _Code Napoleon_ +te veranderen en er een onbeholpen Nederlandsche vertaling van te geven. +Wij zullen verder zien hoe deerlijk insgelijks het ontwerp van een +Strafwetboek, met echt middeleeuwsche bepalingen doorspekt, in 1827 moest +ingetrokken worden. + +Hooger heeft men gelezen, dat ofschoon art. 227 der Grondwet de vrijheid +van drukpers uitriep, het draconisch reglement van 20en April 1815 de +persmisdrijven, in zeer vage bewoordingen aangeduid, op zeer strenge wijze +strafte: een buitengewoon bijzonder Hof was gelast de betichte +dagbladschrijvers te vonnissen. Onder de drukking der Groote Mogendheden +werd den 28en September 1816 de _Wet der 500 gulden_ gestemd: zij bedreigde +met een boete van dit bedrag, en bij hervalling met een gevangenzetting van +een tot drie jaar, al degenen die vreemde vorsten aanvielen of gispten. Op +deze wijze kon men voortaan alles als persmisdrijf bestempelen. + +Priester De Foere had, gedurende De Broglie's moeilijkheden, zijn vranke +schrijven met twee jaar gevangenis moeten bekoopen. Wel is waar werd door +eene wet in 1818 de bijzondere vorm van procedure van het besluit van 1815 +afgeschaft; de drukpersovertredingen zouden in het vervolg voor de gewone +en niet meer voor buitengewone rechtbanken gebracht worden, maar de strenge +straffen werden behouden. + +In 1819 deed de regeering den schrijver Van der Straeten een geruchtmakend +proces aan, daar hij haar in zijn vlugschrift: _De l'Etat actuel du Royaume +des Pays-Bas_, gelaakt had; doch eene openbare inschrijving kwam de boete +van 3000 gulden dekken waartoe hij veroordeeld werd. Vier jaar later werd +die publicist opnieuw vervolgd en in de gevangenis opgesloten voor zijne +snedige artikels in zijn blad _L'ami du roi et de la patrie_; ziek +gevallen, stierf hij drie dagen na het vonnis, en dit nieuws verwekte het +land door eene hevige ontroering. Onophoudend werden de dagbladen der +oppositie vervolgd; en alhoewel zekere dezer vonnissen gewettigd waren, als +de veroordeelingen van Ph. Lesbroussart en pastoor Zinzerling, had de +handelwijze der regeering, die rondom sommige zaken te veel gerucht maakte, +of aan andere, onbeduidende gevallen te veel gewicht en belang bijzette, +tot gevolg dat de veroordeelden in de oogen des volks met de +martelaarskroon omstraald glinsterden. + +Willem's pogingen om eene "nationale" taal in te voeren verwekten ook +hevigen tegenstand. Gewis spraken ongeveer vier millioen en half van zijn +onderdanen op zes Hollandsch of Vlaamsch; maar in de Zuidelijke Nederlanden +was van lieverlede het Fransch de gewone taal der zaken en der openbare +instellingen geworden; de hoogere klassen, zelfs in Vlaanderen, gebruikten +deze bijna uitsluitend; zij was ook de taal der ontwikkelden: advocaten, +notarissen, geneesheeren, die in deze spraak hunne studien hadden gedaan. +Overigens, gedurende het twintigjarig Fransch regime was alleen het gebruik +van 't Fransch wettelijk geweest. In Vlaanderen zelf vond in 't algemeen +het gebruik der beschaafde Nederlandsche taal weinig bijval; men hield van +het gebruik der Vlaamsche dialecten; men legde, en zoo deed nog de +_Gentsche Almanak_ van 1823, den nadruk op het verschil tusschen Hollandsch +en Vlaamsch. De geestelijkheid bijzonderlijk beweerde dat het Hollandsch, +zelfs door geleerde en onberispelijke personen geschreven, altijd de kiemen +der ketterij in zich droeg.. + +Willem begon met in October 1814 een decreet uit te vaardigen waardoor het +gebruik der talen vrij verklaard werd, als tijdens het Oostenrijksch +bestuur. Niettegenstaande de vermaningen van Hogendorp, die den koning tot +voorzichtigheid aanspoorde, besliste eene koninklijke verordening van 15en +September 1819, dat van af 1en Januari 1823 de "nationale taal" -- die +voorzeker die niet was van de Waalsche gewesten -- in de provincien +Limburg, Oost- en West-Vlaanderen en Antwerpen de eenige taal van het +ambtelijk verkeer zou wezen; bij arrest van 26en October 1822 werd deze +bepaling uitgebreid tot de steden en gemeenten van de arrondissementen +Brussel en Leuven; de ambtenaars die na den vastgestelden termijn de +Nederlandsche taal niet machtig zouden zijn, zouden naar het Fransch +gedeelte verplaatst worden. + +Daargelaten nog de woede der in de Vlaamsche gewesten gevestigde Walen wien +men aldus eene onbekende taal opdrong, verhief zich bij de afkondiging dier +besluiten een storm van protesten, voornamelijk van wege de +Vlaamschonkundige advocaten, de Waalsche studenten der Hoogescholen of al +degenen die zich tot de openbare ambten voorbereidden zonder het Vlaamsch +te willen kennen. Talrijke zonen van begoede Belgische familien zagen zich +aldus een loopbaan sluiten die zij reeds betreden hadden of gingen +betreden. + +Het taalverschil veroorzaakte menige wrijving in het Parlement evenals in +het leger. Terwijl de Zuidnederlandsche afgevaardigden, waaronder +Vlamingen, die slechts een dialect en niet de beschaafde omgangstaal +kenden, zich bijna uitsluitend van het Fransch bedienden, begonnen vele +Hollandsche vertegenwoordigers met opzet het Nederlandsch te gebruiken bij +alle besprekingen, morrende wanneer de vertaling door de +Vlaamsch-onkundigen geeischt werd. Ook zag men Hollandsche soldaten met +hunne makkers van het Zuiden handgemeen worden; de Hollandsche sergeanten +kwelden de Vlaamsche recruten, en gaven soms aan de Waalsche arrest wegens +hunne onkunde van het Vlaamsch. + +Die wassende afkeer tusschen Noord en Zuid had, nog voor 1820, bij +klaarziende toeschouwers de onmogelijkheid van de versmelting van de beide +volken doen inzien, en hen doen besluiten dat de redding in eene federatie +lag, waarin Belg en Hollander hunne zelfstandigheid zouden bewaren. + + * * * * * + +De toestand werd nog door noodlottige toevallen verergerd. Het verschil +tusschen de stoffelijke belangen van Holland en Belgie, door den +financieelen toestand van de twee landen nog grooter gemaakt, zou weldra +aanleiding geven tot het eerste openbare geschil tusschen beide volken. + +Volgens latere berekeningen, bezaten de Zuidelijke Nederlanden, in 1814, +eene schuld van omstreeks 100 millioen gulden. De Hollandsche Staatsschuld, +integendeel, was zoo groot dat Napoleon, toen hij Holland in 1810 bij zijn +Keizerrijk binnenpalmde, door een soort van bankroet, geweigerd had de twee +derden er van te erkennen. Willem wilde die oneerlijkheid niet +bekrachtigen, en om de schuldeischers van den Staat te voldoen, nam hij +zijn toevlucht tot een voor de Staatskas zeer nadeelig stelsel: de oude +schuld werd verdeeld in werkelijke schuld voor een derde, en uitgestelde +schuld, zijnde deze de door Napoleon afgeschafte twee derden. Mits eene +storting van 100 gulden per titel van 45 gulden rente, erkende men aan +drager, vooreerst 2000 gulden kapitaal in werkelijke schuld die eene +jaarlijksche rente van 50 gulden opbrachten, en daarbij 4000 gulden in +uitgestelde schuld, die door jaarlijksche trekking tot de loopende schuld +overgingen. Door dit erbarmelijk stelsel bevond zich Holland in 1815 voor +eene werkelijke schuld van 573 millioen en eene verdaagde van 1 milliard. +Nu, volgens 't Verdrag der acht artikelen en de Grondwet van 1815 moest +Belgie natuurlijk de helft dezer schuld dragen. + +Een amortisatiefonds werd in 1816 in 't leven geroepen; men kon voorzeker +de begrooting der Staatsuitgaven merkelijk verminderen, maar de schuld +vermeerderde van jaar tot jaar; in 1820 was de werkelijke schuld reeds met +50 millioen gulden vermeerderd en tien jaar later betaalde de Staat +jaarlijks nog 10 millioen gulden meer aan zijne schuldeischers. Nu, 't was +de Koning zelf die zich door de Grondwet het opperbestuur van 't Geldwezen +had doen toevertrouwen; elk toezicht over de financien was verder +onmogelijk ter oorzake van de tienjarige begrooting. Dit toezicht werd nog +verminderd toen de vorst het _amortisatie-syndikaat_ schiep, een +vereeniging van kapitalisten belast met het onderhoud van wegen, bruggen, +vaarten en mijnen en de ontvangst hunner rechten; dat geheim beheer werd +zeer erg besproken. + +Om het deficiet te dempen moest de Regeering voortdurend naar nieuwe +geldmiddelen uitzien, en schiep tolrechten en belastingen. Overweegt men nu +den aard der beide landstreken, het Zuiden agrarisch en industrieel, het +Noorden handeldrijvend, zoo ziet men dat hunne belangen regelrecht tegen +malkaar in strijd waren. Den vrijhandel in Belgie uitroepen was landbouw en +nijverheid dooden; beschermende rechten in Holland opleggen was handel en +scheepvaart stremmen. Er bestond aldus een noodzakelijke mercantiele +naijver. In dien nood begon Willem met de invoerrechten op vreemde +koopwaren en gemaakt werk, die aan de Belgische nijverheid zulke hooge +vlucht gaven, uit te schrijven (25 tot 30%); in 1819 deed hij zelfs, trots +den tegenstand der Hollandsche groote kooplieden, eene belasting op suiker +en koffie stemmen. Maar gehoor gevende aan de klachten die hem van wege de +handelsaristocratie uit 't Noorden gewerden, veranderde in 1821 de Koning +plots van zienswijze. + +Tot dan toe hadden de Belgische afgevaardigden in de Staten-Generaal eene +tamelijk lijdzame rol gespeeld; zij hadden geen ander verlangen dan den +nieuwen Staat te versterken, en de tegenstand van de meesten was altijd +kalm en hoffelijk geweest. Doch bij het zicht van de nieuwe handelspolitiek +en het nieuwe belastingstelsel der Regeering, greep er een plotselinge +ommekeer in hunne houding plaats, zoodat de donkere voorspellingen over de +ontbinding der Nederlanden, van een pessimist als den Oostenrijkschen +afgezant Binder, zich weldra dreigden te verwezenlijken. + +Het aan de Staten-Generaal voorgelegde wetsontwerp deed de inkomrechten op +de vreemde producten, die rechtstreeks met de nationale mededongen, tot 3 +of 6% dalen; voor de Belgische fabrikanten was dit zooveel als de +afschaffing der invoertarieven. Wel is waar besteedde men tegelijk een +jaarfonds van 1,300,000 gulden tot ondersteuning van zekere takken der +inlandsche nijverheid; maar dit kon geenszins opwegen tegen het nadeel door +de vermindering der tolrechten berokkend. Daarbij stelde de Regeering een +wetsontwerp met nog twee nieuwe belastingen voor, op het _Gemaal_ en het +_Geslacht_, dat wil zeggen: eene belasting op brood en vleesch, waarvan de +eerste op de Zuidelijke Nederlanden des te drukkender woog, daar boeren en +werklieden er zich schier uitsluitend met brood voedden, terwijl in 't +Noorden de aardappelteelt algemeen geworden was. + +De bespreking dier wet gaf aanleiding tot een levendig verzet van wege de +Belgische afgevaardigden; voor de eerste maal sloten zij zich eendrachtig +aaneen: de blokpolitiek vangt aan. Dotrenge en Reyphins, die nochtans zeer +Oranjegezind waren, vielen de principes van den vrijhandel heftig aan en +toonden het nadeel door de twee belastingen aan het kleine volk berokkend; +zij aarzelden niet te wijzen op het politieke gevaar dat de wet voor 't +bestaan zelf van 't koninkrijk opleverde, door de tegenstelling der twee +bevolkingen nog te verscherpen. Lecocq en Dotrenge noemden de wet een +broedermoord; de eenige Belgische afgevaardigde die de wet durfde +verdedigen werd door 't publiek uitgefloten. Doch de wet werd aangenomen +met 55 stemmen tegen 51; de meerderheid was die van al de afgevaardigden +van 't Noorden, de minderheid bestond, op drie uitzonderingen na, uit al +de Belgische volksvertegenwoordigers. Even scherp bleek de tegenstelling +der vertegenwoordigers van de beide deelen des koninkrijks in de Eerste +Kamer enkele dagen later; van de 21 ja-stemmers behoorden er 18 tot het +Noorden, van de 17 neen-zeggers waren er 15 uit het Zuiden (4en Juli 1821). +Zoo erg was de Koning verbitterd dat hij zeven zijner zuidelijke +Kamerheeren, die eene afkeurende stemming uitgebracht hadden, enkele dagen +nadien afzette. + +Bijzondere besluiten brachten het volgende jaar het nieuwe stelsel in +werking. Doch dadelijk werd de persoon van den Koning zoo scherp beschimpt +door spotprenten en pamfletten, dat deze de aanhechting van Belgie bijna +betreurde. Klachten verhieven zich overigens ten allen kante, +niettegenstaande enkele latere wijzigingen aan de toltarieven; onophoudend +werden de zwaardrukkende belastingen op gemaal en geslacht (8 Januari 1823) +aangevallen, en zij zullen in 't vervolg een der hoofdthema's zijn van de +oppositie. + + * * * * * + +'t Is rondom dit tijdstip dat de autoritaire inzichten van den Vorst zoo +klaar uitschijnen; zijne rechtstreeksche tusschenkomst in 's lands zaken +doet zich sterk gevoelen. De bekwame ministers die hem bij den aanvang zoo +knap ter zijde gestaan hadden, had hij een voor een uit den weg geruimd; +hij moest plooibaarder mannen hebben, die eenvoudig de uitvoerders zijner +bevelen en geene raadgevers der kroon wezen zouden; zijne laatste ministers +hebben geen beduidenden invloed gehad op den gang van het bestuur, met +uitzondering misschien van Van Maanen; daarom valt ook op den Vorst alleen +de verantwoordelijkheid der onbehendige en onpolitieke maatregelen der +laatste jaren zijner regeering. + +De man, dien Willem tot zijn vertrouweling verkozen had, Van Maanen, had +beurtelings de Fransche Republiek en Bonaparte gediend; bedrijvig en +buigzaam, bezat hij ook de koppigheid van zijn meester, die hem alleen +eenig initiatief liet in zijn ministerie van rechtswezen; hij was de +Belgen weinig genegen, en hij was het, die op ongelukkige wijze de +bewoordingen van 't Verdrag van Parijs herinnerende, Belgie een uitbreiding +van Hollands grondgebied noemde en Hollands oppermacht uitriep. 's Konings +werktuigen waren de andere ministers, en voornamelijk die Staatssecretaris +Van Streefkerk, dien men vergeleek bij eene klok, stom of luidend naar +geliefte des Vorsten. + +[Figuur: C. F. van Maanen] + +Willem's gedrag wijkt niet veel af van dit der verlichte despoten der 18e +eeuw en in meer dan een opzicht biedt hij eene treffende overeenkomst met +Keizer Jozef II aan. Zijn strijd om het onderwijs onafhankelijk te maken +van de katholieke geestelijkheid bewijst dit volkomen. + +Volgens art. 226 der Grondwet was het openbaar onderwijs het voorwerp der +voortdurende zorgen der Regeering. Reeds vroeger had De Broglie en de +geestelijkheid die schikking fel bekampt, aan een protestantsche regeering +het recht betwistende om zich met het onderwijs in het katholieke Belgie in +te laten en dit recht uitsluitend voor zichzelf eischende. Bij de stichting +der drie universiteiten en der athenea hadden de priesters hunnen haat niet +verborgen tegen deze instellingen, wier zuiver burgerlijk karakter hen +ergerde, en door smaadschriften en sermoenen trachtten zij het onzijdig +onderwijs als calvinistisch, ja zelfs, ongodsdienstig voor te stellen. Op +den Vlaamschen buiten waar de geestelijkheid onbetwist de plak zwaaide, +werd een hevige strijd gevoerd tegen de lagere scholen door middel van +biechtstoel en weigering van absolutie. Men verspreidde het gerucht dat de +Koning het katholieke volk wilde protestantiseeren. + +Tegenover het Staatsonderwijs poogden de clericalen een mededingend +confessioneel onderwijs op te richten. De Koning en de regeering, sterk +door de Grondwet, besloten het voorrecht van den Staat hardnekkig te +verdedigen; Willem I gevoelde overigens den geheimen invloed der +Congregatie en der Jezuieten, die alsdan Frankrijk beheerschten, en wilde +hun pogingen in Belgie verijdelen. Op 22en Juli 1822 werd bij koninklijk +besluit verboden het lager onderwijs te geven zonder toelating. Anderhalf +jaar later werd dit besluit toegepast op de geestelijke vereenigingen, die +zich met onderwijs ophielden; voortaan zullen zij nog slechts als leden +hunner orde personen kunnen opnemen die een bekwaamheidsbewijs bezitten. +Die verordeningen hadden den val tot gevolg van de scholen der Broeders der +Christelijke Leering, die alhier uit Frankrijk overgekomen waren en in 't +Walenland het lager onderwijs zochten te bemachtigen; weldra werden zelfs +hunne vereenigingen ontbonden en hunne orde afgeschaft, daar zij aan eenen +overste van vreemde nationaliteit gehoorzaamden. + +Intusschen was de minister van binnenlandsche zaken en openbaar onderwijs, +de klaarziende Falck, als gezant naar Londen gezonden, en vervangen door +den buigzamen Van Gobbelschroy, een ontwikkelden Belg, die, met de beste +inzichten bezield, zich met den meesten ijver op de uitbreiding van 't +Staatsonderwijs toelegde. Door 's Konings toedoen besloot hij insgelijks +het middelbaar onderwijs aan den invloed der geestelijkheid te onttrekken. +Een besluit van 14en Juni 1825 beval de sluiting van al de niet erkende +Latijnsche scholen en colleges; alleen de wereldlijke Latijnsche scholen +werden toegelaten. Alzoo sloot men de _kleine bisschoppelijke seminarien_, +die onder voorwendsel van tot den geestelijken stand op te leiden, aan de +zonen der burgerij het voorbereidend hooger onderwijs verschaften. Wanneer +later deze hunne humaniora in den vreemde, vooral in de Jezuietengestichten +van St Acheul, in Frankrijk, en Freiburg, in Zwitserland, wilden gaan +voleindigen, werd hun voor 't vervolg de toegang tot de Staatshoogescholen +van Gent, Leuven en Luik ontzegd. + +Zoolang de Koning zich als verdediger van het Staatsonderwijs aanstelde, +bleef hij binnen de palen der Grondwet. Maar ondoordacht en vermetel was +zijne poging, toen hij zich in de opleiding van de Belgische katholieke +geestelijkheid wilde mengen. Hierin handelde hij voorzeker te goeder trouw; +men heeft hem ten onrechte voorgesteld als een godsdienstigen ijveraar voor +het Protestantisme; het staat vast dat hij volstrekt geen vijand was van +het Katholicisme. Zooals hij in Holland met de Hervormde gemeenten gedaan +had, zoo wilde hij alhier den voorrang van de burgerlijke macht boven de +geestelijke vestigen. Daarom was hij voornemens, voor de toekomst, eene +verstandige, verlichte, verdraagzame, nationale geestelijkheid te vormen, +door middel eener hervorming der godgeleerde studien. Zoodat de +Calvinistische vorst hoopte te slagen, daar waar zijn katholieke +voorganger, Jozef II, bezweken was! Zelfs de tegenwerpingen zijner omgeving +konden hem zijn besluit niet doen verzaken. + +Den zelfden dag (14 Juni 1825) dat Willem de kleine seminarien afschafte, +verordende hij de oprichting bij de Hoogeschool van Leuven van het +_Wijsgeerig College_, voor de jongelingen van alle bisdommen die zich tot +den geestelijken staat voorbereidden. Zij zouden gezamenlijk met de +studenten der Faculteit der wijsbegeerte zekere lessen in de philosophie +volgen. De bestuurder en de onderbestuurders, alsook drie leeraars, zouden +door den Vorst benoemd worden, met goedkeuring van den aartsbisschop. Den +11en Juli volgt een verbod in de groote seminarien studenten te ontvangen +die het Wijsgeerig College niet doorloopen hebben; en het verbod tegen +degenen die in den vreemde zouden gaan studeeren, wordt ook op de +toekomstige seminaristen toegepast. + +"Die noodlottige besluiten zijn misschien de ergste misslag in de regeering +van koning Willem I en zij getuigen van eene groote verblindheid, van een +jammerlijk Staatsbeleid". Hoe kon de Koning toch verwachten dat de +Belgische geestelijkheid, die voortdurend aanspraak maakte op gansch de +leiding van het openbaar onderwijs, zou toelaten dat een leek, en dan nog +een Calvinist, de opleiding van de toekomstige priesters zou besturen? De +Paus en de bisschoppen teekenden verzet aan; de aartsbisschop van Mechelen +weigerde, niettegenstaande herhaald verzoek des ministers, de plaats van +opziener van het College; talrijke vlugschriften vielen de stichting aan, +en de katholieke dagbladen kantten zich met hardnekkigheid tegen 's Konings +inmenging in geestelijke zaken. Doch wanneer de koninklijke maatregels in +de Staten-Generaal door de katholieke volksvertegenwoordigers De Stassart, +Surmont de Volsberghe en vooral De Gerlache heftig werden gelaakt, vond de +Regeering eenen krachtigen steun in de twee knappe Belgische redenaars, de +liberale oppositieleiders, Reyphins en Dotrenge. Zij juichten de +uitdrijving van de Ignorantins toe, en wezen op de pogingen van de +Jezuieten om in de Nederlanden terug te keeren. Ook was de overwinning van +de ministers Van Maanen, Van Gobbelschroy en Goubau, bestuurder van den +katholieken eeredienst, volledig. Vele Belgische ontwikkelde groepen +stemden met die anticlericale besluiten in, en Louis de Potter, een rijk en +knap publicist, die zich door een geweldig anticlericalisme onderscheidde, +prees de stichting van het _Collegium Philosophicum_ en den strijd van de +regeering voor het Staatsonderwijs. + +De liberalen waren bereid zich om het ministerie te scharen, wilde men +hunne grieven aanhooren. In dien zin was het slot van Dotrenge's +redevoering vol beteekenis. "Sire, zei hij, beschut ons voor de Jezuieten, +doch verlos ons van de belasting op het gemaal". + + * * * * * + +Het scheen dus dat de Belgische oppositie verbroken was. Nochtans werd er, +gedurende het debat over het onderwijs, een woord door den leider van de +katholieken uitgesproken, dat voor de toekomst een schrikbaar voorteeken +was. Baron de Gerlache, oud-advocaat te Parijs, thans te Luik gevestigd, +waar hij beurtelings naar den gemeenteraad, naar de Provinciale Staten en +sedert het vorige jaar naar de Staten-Generaal gezonden werd, had, in eene +zeer welsprekende rede, waarvan de indruk door het uiterlijke van zijn +persoon nog verhoogd werd, zich, niet gelijk zijne collega's op de +leerstellingen van het kanonieke recht en van het Concilie van Trente +beroepen, maar, evenals de liberale katholieken, en voornamelijk Lamennais +in Frankrijk, op de vrijheid van het onderwijs, die hij afleidde uit alle +andere vrijheden, als de vrijheid van godsdienst en van drukpers; dit was +voor 't vervolg den weg afbakenen voor een verbond, dat op dien stond +nochtans door niemand voorzien werd. + +Om de woede der clericalen te stillen, besloot Willem enkele toegevingen te +doen. Reeds vroeger was Reinhold, zijn gezant te Rome, met het Vatikaan in +onderhandeling getreden, om een concordaat tot stand te brengen in den zin +van dit van Napoleon, dat in Belgie van 1801 tot 1815 in zwang was; een +pauselijke nuntius was zelfs te dien einde in Belgie geweest, maar moest +onverrichterzake terugkeeren. Zoo bleef de zaak tot in 't begin van 1826, +wanneer een katholieke afgevaardigde, de graaf de Celles, zich aanbood om +de onderhandelingen te hernemen. Paus Leo XII en Koning Willem toonden zich +even inschikkelijk. De Jozefist Goubau moest van het bestuur van den +katholieken eeredienst aftreden, dat bij 't ministerie van binnenlandsche +zaken gevoegd werd (1826); Reinhold werd als gevolmachtigde te Rome door +graaf de Celles vervangen. Doch deze botste tijdens de besprekingen op +talrijke moeilijkheden hem door de dweepzieke omgeving in 't Vatikaan in +den weg gelegd en klaagde er bij zijne regeering over dat hij nu niet meer +kon verkrijgen wat men twee jaar vroeger gemakkelijk zou bekomen hebben. + +Eindelijk op 18en Juni 1827 teekende de Celles het concordaat met den +kardinaal Capellari. Ieder bisdom zou een seminarie bezitten. Wat de +verkiezing der prelaten betrof, deze moest geschieden door het kapittel, +dat den Koning een kandidatenlijst zou voorleggen, waarop deze de +kandidaten, die hem niet bevielen, zou doorschrappen; de Paus duidde dan +den titularis aan. + +De bulle van 17en Augustus kondigde daarenboven de oprichting van drie +nieuwe bisdommen aan, nevens de vijf bestaande, namelijk te Brugge, te +Amsterdam en te 's Hertogenbosch, en bevestigde dat voortaan alleen de +bisschoppen voor de opvoeding hunner geestelijkheid te zorgen hadden. + +De Belgische katholieken onthaalden het sluiten van het concordaat met luid +gejuich; verscheidene hunner afgevaardigden stemden zelfs de begrooting +zonder verzet. + +De Hollandsche Calvinisten evenals de Belgische liberalen keurden +integendeel de vernedering des Konings voor den Paus streng af; zij +verweten aan de regeering dat zij niet alleen van haar recht van benoeming +der bisschoppen afstand gedaan had, maar daarbij nog het Wijsgeerig College +van Leuven opofferde. Fel aangevallen in de liberale dagbladen en +voornamelijk in den _Courrier des Pays-Bas_ door de pen van den heftigen +Louis de Potter, zocht de regeering de waarde van het concordaat en van de +pauselijke bulle te verzwakken. Reeds op 5en October zond Van Gobbelschroy +een vertrouwelijken omzendbrief aan de gouverneurs, om hun te laten weten +dat de invloed des Konings op de benoeming der bisschoppen grooter was dan +'t concordaat liet vermoeden, dat niets veranderd was aangaande het +onderwijs der seminarien, dat het volgen der leergangen in het Wijsgeerig +College eenvoudig van verplichtend, vrij geworden was, en eindelijk dat men +alle overeenkomst tot het bezetten der ledig staande bisschoppelijke zetels +zou verdagen. Om de liberalen te paaien, deelde zelfs Van Gobbelschroy, +die met Louis de Potter bevriend was, dien omzendbrief aan den publicist +mede, die zich verhaastte hem in zijn dagblad af te kondigen. + +[Figuur: J. M. Schrant] + +Die mededeeling (14en October 1827) en het wezenlijk behoud van het _statu +quo_, verwekten bij de katholieken eene geweldige verontwaardiging. Van dan +af hernam de strijd der geestelijkheid tegen de regeering met nieuwe woede. +Gesterkt nog door het voorbeeld van Frankrijk, waar een katholieke prelaat +de _Universite de France_, dat is geheel het onderwijs, bestuurde, en waar +Karel X de wet op de heiligschennis had doen aannemen, begonnen de +Belgische priesters het onderwijs der professoren van de hoogescholen en +athenea aan te klagen, donderden zij van op den preekstoel tegen de +"_Duivelscholen_" en verdoemden het "_Schoolvee van Van Gobbelschroy_". +Pastoor Schrant, van Amsterdam, die in de oogen zijner Zuidnederlandsche +collega's de onvergeeflijke zonde begaan had een leerstoel aan de +Hoogeschool te Gent te aanvaarden, moest dit bezuren. De katholieke +dagbladen kondigden de lijsten af der leden van het _Nut van 't Algemeen_, +aan welke de priesters besloten de absolutie te weigeren. Nooit had de +schoolstrijd zoo erg gewoed. In hunne redevoeringen en preeken gingen +zekere dorpsherders zoover, dat de Regeering ze voor de rechtbank moest +dagen en laten veroordeelen. De katholieke vertegenwoordigers in 't +Parlement, wier verzet tot dan toe eerbiedig en bedaard geweest was, namen +insgelijks eenen heftigen toon aan. + +Had dan nog de regeering op den steun der liberale partij kunnen rekenen; +maar door hare halsstarrigheid in het weigeren van zekere politieke, +sociale of oeconomische eischen, en niet minder door hare dubbelzinnigheid, +die wantrouwen inboezemde, bevond zij zich weldra gansch alleen. + + * * * * * + +Intusschen had zich in Belgie eene gewichtige verandering op intellectueel +en politiek gebied voorgedaan. Tot omstreeks 1827 had de bevolking zich +weinig om de Staatszaken bekommerd; zelfs de dagbladen zonden geene +reporters naar de zittingen der Staten-Generaal. Immers onze voorouders, +gedurende drie eeuwen onder vreemd juk gebogen, van alle deelneming aan het +openbaar bestuur verstoken, voor de meerderheid in de grootste onwetendheid +gedompeld, toonden zich onverschillig voor de politieke besprekingen. Aan +die onverschilligheid had het ingewikkelde kiesstelsel voor de +Staten-Generaal geen klein aandeel; immers de verkiezingen geschiedden in +twee graden, de _kiezers_ betalende honderd gulden in grondbelasting, kozen +een zeer beperkt getal _stemgerechtigden_, die de volksvertegenwoordigers +benoemden; zoo konden de kleine burgerij en het kleine volk, van de +verkiezing volkomen uitgesloten, zich natuurlijk voor deze niet warm maken. +Voegt daarbij nog de drukking van den koninklijken commissaris, die de +verkiezing voorzat en allen strijd tegen den officieelen kandidaat +verijdelde. + +Doch met het jaar 1827 doet zich een bepaalde vooruitgang in de politieke +opleiding voor. Eene nieuwe generatie van jonge redenaars en publicisten is +ontstaan, gedeeltelijk gevormd in de Staatshoogescholen. In de liberale +fractie zien wij Le Hon en Ch. de Brouckere met een vroeger onbekenden +gloed voor de vuist spreken, en in navolging der Fransche doctrinairen der +Kamer als Royer-Collard en Benjamin Constant, in wel doordachte +redevoeringen, den misprijzenden trots, waarmede de ministers vroeger op de +redenaars nederzagen, tarten en onophoudend de regeering op het bankje +zetten. Ch. de Brouckere durfde zelfs in 1828 in de Staten-Generaal het +recht van initiatief gebruiken, dat aan de volksvertegenwoordigers ontzegd +was. Met de opkomst van het liberale ministerie Martignac in Frankrijk +wordt de vrijmoedigheid der partij nog grooter. + +Het waren de liberale afgevaardigden en hunne vrienden die het overgroote +getal der Belgische dagbladen opstelden. Niet minder dan de weerklank +hunner stem buiten het Parlement, wist de snedigheid hunner pen de natie op +te wekken tot belangstelling in haar beheer; en de eenparigheid waarmede +sindsdien stelselmatig al de Belgische afgevaardigden, buiten drie of vier +afvalligen, tegen die van het Noorden stemden, was geen geringe factor om +de gemoederen eindelijk met politieken hartstocht te bezielen. + +In die bewerking der openbare meening hebben de advocaten-publicisten eene +overwegende rol gespeeld; Gendebien, Lebeau, Devaux en hunne aanhangers, +reeds geergerd door de Taalbesluiten die hunne persoonlijke belangen +gekrenkt hadden, verwoed nog om de hardnekkigheid waarmede de regeering de +opstellers der artikels, die de handelingen van het bestuur aanvielen, +vervolgde en strafte, verklaarden een onverzoenbaren oorlog aan het +ministerie van Koning Willem. + +Hadden Van Maanen en zijne collega's nochtans op zekere punten van +politieken en oeconomischen aard toegegeven, dan zou de vroegere goede +verstandhouding met de liberale partij misschien hebben kunnen +voortbestaan. Dit was het geval toen de liberalen door de Provinciale +Staten van Luik, Namen en Henegouwen, verzoekschriften aan den Koning deden +zenden om de belastingen op het geslacht en het gemaal af te schaffen. De +Koning in zijne koppigheid beschouwde dit verzoek als eene onwettelijke +daad en weigerde het in aanmerking te nemen; de Vorst wist overigens dat de +strekking der Belgische liberalen ten opzichte van een constitutioneele +regeering door den oligarchischen geest der Noord-Nederlanders afgekeurd +werd. + +Het vraagstuk der vrijheid van drukpers bood aan de liberalen een gunstiger +oorlogsterrein. Dagelijks zagen zij hunne dagbladen voor de minste critiek +der bestaande verordeningen of der ministerieele handelwijze voor de +rechtbank dagen, krachtens het strenge Besluit van 20en April 1815. Zoo +werd, in Maart 1828, Ducpetiaux, opsteller bij den liberalen _Courrier des +Pays-Bas_, vervolgd om een verdediging der doodstraf, geschreven door een +referendaris van 't ministerie van justitie, weerlegd te hebben. De +publicist richtte alsdan tot de Tweede Kamer een verzoekschrift, waarin hij +tegen zijne vervolging verzet aanteekende. + +Dit gaf aanleiding tot het hartstochtelijkste debat dat sedert Waterloo in +de Staten-Generaal plaats gevonden had. De jeugdige Ch. de Brouckere, +alhoewel een zoon van den gouverneur van Limburg, hekelde fel het gedrag +van het gerecht en drong aan op de afschaffing van het draconische +reglement: "Het schijnt mij dagelijks klaarder, sprak hij, dat men de pers +in de Nederlanden dooden wil. De natie echter wil bevrijd zijn van al die +uitzonderingswetten." Wel is waar beloofde de Koning in zijne troonrede, +bij de opening der Staten-Generaal, de wetgeving voor de perszaken te +veranderen; die belofte bleef echter een doode letter; integendeel beval +minister Van Maanen aan de rechtbanken met nog meer strengheid tegen de +dagbladen te werk te gaan. + +Ducpetiaux, in een nieuw artikel (28en October 1828), had verzet durven +aanteekenen tegen de onwettelijke uitdrijving van twee jonge Fransche +schrijvers, beticht een tamelijk zwak hekeldicht tegen de belasting op het +gemaal geschreven te hebben; hij werd in de gevangenis geworpen. Op 5en +November dient daarop Ch. de Brouckere een wetsontwerp in, tot afschaffing +der besluiten op de drukpers. Vijf dagen later kondigt de _Courrier des +Pays-Bas_, die zich door de aanhouding van Ducpetiaux niet had laten +afschrikken, een hoogst geweldig artikel af van den vroegeren bondgenoot +der regeering, Louis de Potter. "Laat ons die schim van het gevaar der +Jezuieten, waarmede de regeering voortdurend schermt en ons bedot, +verwerpen, schreef hij ongeveer; laat ons voortaan beschimpen, hoonen en +vervolgen de _ministerieelen_!" Het woord stond er. Door de noodlottige +dwaasheid der regeering, door hare nuttelooze strengheid kwam zij voor +altijd den steun der liberalen te verliezen. + +De vranke publicist, van ophitsing beschuldigd, werd met Ducpetiaux in de +gevangenis der Kleine Karmelieten opgesloten; intusschen bepleitte +vruchteloos De Brouckere in de Tweede Kamer de vraag van de vrijheid der +drukpers: met 61 stemmen tegen 44, 't zij al de vertegenwoordigers van 't +Noorden met zeven van 't Zuiden, werd zijn wetsontwerp verworpen (3en +December). + +Op 13en December 1828 kreeg Ducpetiaux van 't Assisenhof van Zuid-Brabant +een jaar gevangenisstraf; acht dagen later, niettegenstaande de +welsprekende pogingen van zijn advocaten Van Meenen en Van de Weyer, werd +Louis de Potter tot 18 maanden gevangenisstraf en 100 gulden boete +veroordeeld. De aanspraak van den beschuldigde tot het publiek na de +pleidooien, -- een echt rekwisitorium tegen de regeering -- werd door de +aanwezigen op luid handgeklap onthaald, de uitspraak van het vonnis +integendeel op gejouw en gefluit; en 't was onder de kreten, door de +woelige menigte geuit, van "Leve De Potter! Weg met Van Maanen!" dat de +veroordeelde naar zijn gevangenis teruggevoerd werd. Het gepeupel wierp de +vensterglazen van het Ministerie van Justitie uit. + +Dit proces vond gansch Belgie door eenen ongehoorden weerklank en het +oefende een beslissenden invloed op den verderen gang der zaken uit. De +Potter, die in den grond een woelgeest was, en er naar hunkerde om in +Belgie de rol van O'Connell in Ierland te spelen, ging door voor een +martelaar. + +Terwijl de regeering zich alzoo moedwillig de verschrikkelijkste +verbittering der liberale dagbladschrijvers en advocaten op den hals +haalde, hadden de katholieken ook de wapens niet neergelegd. Hunne leiders +die vroeger tegen de moderne vrijheden der Grondwet gepruild hadden, waren +nu gedeeltelijk gewonnen tot het godsdienstig liberalisme van F. de +Lamennais, en zij beriepen zich voortdurend op zijne verklaringen, sedert +de sluwe De Gerlache de vrijheid van onderwijs als onafscheidbaar verklaard +had van die van godsdienst en van drukpers. + + * * * * * + +'t Is met dit sophisme als grondslag dat nochtans de _Unie der Liberalen en +Katholieken_ tot stand kwam, die den politieken tegenstand van Noord en +Zuid in een strijd van volk tegen volk zou doen ontaarden. Dank zij hare +dwaze houding was de regeering er aldus volkomen in geslaagd deze twee +elkander hoogst vijandige partijen in malkaars armen te werpen. + +Wanneer men de denkbeelden van den rationalistischen Louis de Potter en van +den radicalen Gendebien van voor 1828 met die van den ultramontaanschen De +Gerlache of den dweepzieken De Secus vergelijkt, vraagt men zich af, hoe +dergelijke eendracht van het jakobinisme en van het geestelijk fanatisme +--wat Willem en zijne ministers het _Monsterachtig verbond_ van de roode en +de vierkante muts noemden -- kon tot stand komen. 't Zijn de gematigde +liberalen als Lebeau, S. Van de Weyer en de katholieke democraten als J.-B. +Nothomb en Ph. Vilain XIIII, die deze toenadering mogelijk maakten. Beide +fracties verzochten de zoo hevige geschillen tusschen beide partijen op +zijde te schuiven, om alleen voor de herstelling der bepaalde grieven te +ijveren en de "vrijheid in alles en voor allen" te eischen. + +Wij hebben gezien hoe De Gerlache, in den grond een aanhanger van +gewetensdwang en bestuurlijk absolutisme, met eene machiavellistische +arglistigheid, het vrijheidsbeginsel als een lokaas aan de liberalen +toegeworpen had. Reeds in Maart 1827 ontwikkelde Paul Devaux, een talentvol +jong publicist, in den _Mathieu Laensberg_ (later _Le Politique_) van Luik +het plan van een verbond op grond van de volledige ontwikkeling der +vrijheden door de Grondwet beloofd. Eerst fel bestreden door Bartels in _Le +Catholique_ van Gent, door Kersten in _Le Courrier de la Meuse_ van Luik, +alsook door den liberalen _Courrier des Pays-Bas_, vond Devaux' voorstel +allengskens eene algemeene bijtreding. Reeds op 23en Juli 1828 kondigde het +Luiker liberaal dagblad de sluiting der _Unie_ aan...... + +Kort na deze netelige onderhandelingen werd het wetsontwerp De Brouckere +verworpen en Louis de Potter veroordeeld. + +Terstond kwam door toedoen der dagbladen van alle gezindheid een ontzaglijk +petitionnement tot stand (November 1828), waarvan de onderteekenaars in 't +Walenland en te Brussel in de eerste plaats, de afschaffing van de +belasting op het gemaal en van het besluit op de drukpers van 1815 vroegen, +doch in Vlaanderen (45,000 onderteekenaars op het globale getal van 70,000) +vooral het opheffen van het Staatsmonopolium van het onderwijs wilden: +aldaar was de geestelijkheid van huis tot huis de onderteekenaars gaan +vinden, en de talrijke kruisjes in plaats van handteekeningen onderaan de +petities, bewezen voldoende op welke wijze men deze had verkregen. + +De regeering bestempelde die beweging als _schandalig_. + +Een tweede petitionnement, uitgaande van de Brusselsche katholieken als den +ouden graaf de Merode-Westerloo, burggraaf Vilain XIIII en den +correspondent der Jezuieten L. Robiano de Borsbeek, vroeg uitsluitend de +vrijheid van onderwijs (Januari-Februari 1829) en verkreeg nog meer bijval +dan het eerste. Er werd algemeen en met onrust opgemerkt hoe intusschen op +den buiten de geestelijkheid, met eene zonderlinge bedrijvigheid, de boeren +aanspoorde om zich op de lijsten der gemeentewacht te doen inschrijven, en +hoe buitengewoon de burgers der Belgische steden zich eveneens daartoe +beijverden. Ook de liberalen lieten niet los, en Lebeau en Rogier in _Le +Politique_ van Luik onderhielden de geesten in eene ongemeene gisting. + +Plots verscheen er een vlugschrift, door Louis de Potter in zijn gevangenis +opgesteld, dat de eendracht der anti-ministerieelen nog zou versterken +(Juni 1829). Hij stelde de voltrekking van de _Union des Catholiques et des +Liberaux_ met genoegen vast en preekte de wederzijdsche verdraagzaamheid +aan om des te sterker den gemeenschappelijken vijand te bestrijden. Die +aanmaning tot samenwerking maakte een overgrooten opgang, omdat zij uitging +van een zoo hevig anti-clericaal. + +Ditmaal werden de ultra-liberale en katholieke fracties door die +plotselinge bekeering van De Potter geergerd. De overtuigde liberalen +vreesden voor hunne principes in dit samengaan met de ultramontanen, en Ch. +Durand gaf een pamflet uit in antwoord op de _Union_. Ook de Belgische +katholieken vonden het noodzakelijk, in een vlugschrift, hun gedrag bij +hunne Fransche geestverwanten te verrechtvaardigen. Doch de stoot was +gegeven. Ver van nu het hachelijke van haren toestand in te zien, volhardde +de regeering in hare koppigheid. + +Toen de verzoekschriften zoo overvloedig op de banken van de +Staten-Generaal regenden, had Ch. Le Hon voorgesteld den Koning een adres +aan te bieden, om zijne aandacht op den staat van gisting in de Zuidelijke +Provincien in te roepen; het adres werd aangenomen door de Tweede Kamer +maar door de Eerste verworpen. + +De wet op de instelling van de jury bij de rechtbanken, door de +vertegenwoordigers van 't Zuiden voorgesteld, onderging dit lot reeds bij +de stemming in de Tweede Kamer. + +Alsdan ontstonden overal Grondwettelijke Vereenigingen of Comiteiten tot +herstelling der _Grieven_. Immers sedert October 1828 had de _Courrier de +la Meuse_ een statistiek opgesteld, waardoor, met overvloed van cijfers uit +officieele oorkonden, de partijdigheid der regeering bewezen werd in zake +benoemingen tot de openbare ambten. Op 7 ministers telde men slechts een +Belg, op 14 bestuurders in de ministeries insgelijks een; onder de 300 +hoogere beambten der ministeries, vond men 17 Belgen. In het leger trof men +2377 Hollandsche officieren tegenover 417 Belgen aan; men insinueerde zelfs +dat de Belgen slechts tot hoogere graden klommen, in Oost-Indie "om aldaar +de bloedbelasting te betalen", terwijl men wist dat het aandeel der Belgen +in het koloniaal leger, gedurende den opstand van Dipo-Negoro op Java +(1826-1830), slechts een vijfde bedroeg. Overigens die zoo ongunstige +verhouding van officieren in de troepen, verklaart zich door het feit, dat, +bij de organisatie, van 't leger in 1814-15 en den oproep tot de +oud-militairen om zich aan te melden met hunnen vroegeren graad, veel +Hollanders en weinig Belgen zich aangeboden hadden; men voege daarbij dat +degenen die zich in de Zuidelijke Nederlanden met bestuurlijke of militaire +zaken ophielden, in zeer klein getal waren. Doch zooals zij voorgesteld +was, bleef die verdeeling der openbare ambten eene schreeuwende +ongerechtigheid. Sindsdien volgden nog andere statistieken die het +Hollandsch "nepotisme" geeselden en de openbare meening verontwaardigden. + +Daarbij kwam nog het wijzen op de politieke overheersching van Belgie door +de Hollandsche ambtenaren, die zich tegenover het Zuiden als tegenover een +wingewest gedroegen; de oppositie noemde de Grondwet eene aan het Zuiden +opgedrongen keure, hekelde de taalbesluiten, het officieel onderwijs; ja, +zelfs het belastingstelsel werd wegens onrechtvaardige toepassing +aangevallen, alhoewel het klaar was dat de Hollanders, die zestien gulden +per hoofd betaalden, vijf gulden meer dan de Vlamingen en juist het dubbel +van de Walen in de Staatskist stortten. + +Voor de herstelling dezer grieven, 't zij echte, 't zij ingebeelde, voerden +nu vlugschriften en dagbladen een hevigen strijd, en de Constitutioneele +Vereenigingen ijverden natuurlijk niet het minst voor de vrijheid van +drukpers. Op dit laatste punt moest de regeering eindelijk toegeven, en 't +was om zoo te zeggen met eenparigheid van stemmen dat het besluit van April +1815 door de Staten-Generaal afgeschaft werd; de zeer vrijzinnige wet van +16en Mei 1829 verving het hatelijke dwangreglement. + +Doch in hare verblindheid tegen de Belgische "factie" had de regeering +besloten de aanvallen der Belgische pers door aanvallen tegen hare +opstellers te beantwoorden; daarom stichtte zij te Brussel een officieus +blad, _Le National_ (Mei 1829); de Koning beging de onvergeeflijke fout het +bestuur van dit blad toe te vertrouwen aan den Florentijn Libry, graaf van +Bagnano, die sedert jaren uit Frankrijk geweken, zich uitgaf voor een +slachtoffer van de reactie der Bourbons. Met een ongehoord cynisme, +overlaadde hij de partijgangers der Unie en de katholieken met +persoonlijken hoon en smaad, en hij aarzelde niet te schrijven -- wat de +zaak der regeering meer kwaad dan goed deed -- onder andere "dat men de +Belgen een muilband moest aandoen evenals de honden". Maar plots kwam het +uit dat de kampioen des Konings, de vertrouweling van Van Maanen, tweemaal +in Frankrijk voor schriftvervalsching in handelszaken tot dwangarbeid en +brandmerk veroordeeld geweest was; en de _Courrier des Pays-Bas_ drukte +terzelfdertijd drie geheime besluiten af, die het blad zich had weten te +verschaffen, waardoor de Vorst aan den verdediger der regeering 85,000 +gulden op het Nijverheidsfonds verleende. Een kreet van algemeene +verontwaardiging steeg in Belgie bij die verpletterende openbaring op. Van +toen af in vergaderingen en drankhuizen durfde men de vraag stellen of +Frankrijk een opstand in Belgie gewapenderhand zou ondersteunen. + + * * * * * + +Rekenende op de gevolgen die een officieel bezoek kan hebben, ondernam +Willem, eene omreis in de Zuidelijke Provincien. Overal zag hij de blijken +van welstand en voorspoed; het feestelijk onthaal dat hem daar te beurt +viel versterkte hem in de overtuiging dat de aanvallen tegen zijne +regeering gericht, slechts het werk van enkele opruiende dagbladschrijvers +waren, en dat de gisting niet tot in de massa gedrongen was. Tijdens zijn +bezoek aan Luik (23en Juni 1829) kon de begoochelde Vorst niet nalaten zijn +antwoord aan het gemeentebestuur van Luik met de volgende woorden te +eindigen: "Ik zie nu wat ik moet denken over de zoogezegde grieven waarover +men zooveel gerucht gemaakt heeft. Dat is aan enkele bijzonderen te wijten +die uit eigenbelang handelen. Dit is een schandelijk gedrag!..." Dit +onvoorzichtig smaadwoord tegen de opstellers der vertoogschriften gericht, +kreeg zooveel weerklank, dat Willem's oogen hadden moeten opengaan. Te +Brugge stichtte Constantijn Rodenbach dadelijk, in clericale navolging der +"Geuzen" van de 16e eeuw, de _Orde der Schande_ (Ordre de l'Infamie), die +op hare kenteekens de leus voerde: "Trouw tot aan de schande!" (Juli 1829). +Bij het opgehitste lagere volk ontstond een ware haat tegen den Hollander +en al wat Hollandsch was. + +Het koninklijk bezoek had dus geenszins de bedaring verwekt die men +verhoopt had, wel integendeel. Ziende dat de nieuwe wet op de drukpers de +liberalen niet gestild had, besloot de regeering aan de katholieken zekere +toegevingen te doen, om de Unie te trachten te verbreken en de vrijzinnige +oppositie in toom te houden. + +Immers ook te Rome had Paus Leo XII het verbond van de Belgische +katholieken met de liberalen met een zeer kwaad oog aanschouwd; duchtende +voor 't gevaar dat die eendracht voor 't geloof kon opleveren, zond hij in +de Nederlanden den zeer vrijzinnigen nuntius Capaccini, die de Belgische +geestelijkheid zou aanmanen niet katholieker te willen zijn dan de Paus. De +kardinaal beijverde zich om het concordaat te doen uitvoeren en kon door +den Koning drie nieuwe bisschoppen, namelijk voor Luik (Van Bommel), voor +Gent (Van de Velde) en voor Doornik (Delplancq) doen aanvaarden. Pius VIII, +die intusschen den meer toegevenden Leo XII opgevolgd was, bekrachtigde +hunne benoeming op 18en Mei 1829. + +Evenveel genoegen baarde aan de katholieken het koninklijk besluit van 20en +Juni, waarbij het bezoeken van het Wijsgeerig College van Leuven als +facultatief verklaard werd; daarbij stond Willem, door eene andere +verordening van 2en October, de heropening, mits zekere beperkingen, van de +kleine bisschoppelijke seminaries weder toe. + +Andere toegevingen werden gedaan in den zin van de petities; de afschaffing +van de belasting op het geslacht werd beloofd (19en Mei 1829); den 5en Juli +werd bepaald dat op 1en Februari 1831 de nieuwe rechterlijke inrichting in +werking zou treden, dat men dienvolgens onafzetbare magistraten zou hebben. +De regeering liet zelfs een ontwerp van een gewijzigde wet op 't onderwijs +verhopen. + +Maar deze toegevingen die enkele maanden vroeger met gejubel zouden +onthaald geweest zijn en die het petitionnement konden verhinderen, daar +zij de hoofdgrieven uit den weg ruimden, kwamen nu te laat. De clericalen +beschouwden deze vergunningen als eene onvoldoende afkorting; de liberalen +weigerden allen steun aan de regeering, zoolang de ministerieele +verantwoordelijkheid niet toegestaan werd. In geen enkele klasse der +bevolking telde de regeering nog vrienden. + +De opening der kleine seminaries, verre van de katholieken te bevredigen, +had hunne aanspraken nog hooger gemaakt; zij eischten de algemeene vrijheid +van onderwijs, zonder toezicht. Op 4{en} November 1829 stelden de +katholieke edelen Robiano de Borsbeek, De Merode en D'Hoogvorst eene nieuwe +petitie in dien zin op; de geestelijkheid belastte zich opnieuw met het +inzamelen der handteekeningen en der kruisjes, en pastoors en onderpastoors +teekenden ditmaal aan 't hoofd der lijsten; op de 360,000 onderteekenaars +waren er 240,000 uit Vlaanderen alleen. + +De schilder Geirnaert heeft ons, in een treffend tafereel, weldra door den +steendruk verspreid, de handelwijze der geestelijken in deze beweging +geschilderd. Zijne teekening wordt nog bevestigd door de beschrijving die +Schuermans en Holtius, in hunne brieven aan Van Maanen, van de +bedrijvigheid der geestelijkheid geven. + +Zekere klaarziende liberalen, zooals de advocaat Napoleon de Pauw van Gent, +aarzelden niet dit petitionnement, bij de Staten-Generaal, als eene +verkrachting van art. 161 der Grondwet aan te klagen. + +De clericale partij, die intusschen te Gent een Vlaamsch orgaan, _De +Vaderlander_, gesticht had, antwoordde, kort na die aanklacht, met een +vertoogschrift, dat de teruggave eischte van de goederen der +geestelijkheid, door de Fransche Revolutie verbeurd verklaard. + +De polemiek der Unionistische pers van Gent, Brussel en Luik tegen de +Hollandsche _overheersching_ en tegen de _dictatuur_ van Van Maanen werd +des te driester, daar de regeering en het gerecht het hoofd verloren +hadden; en de gevallen van persovertredingen werden zoo talrijk, dat de +gevangenissen van dagbladschrijvers opgepropt waren. De drukpers, in hare +woede tegen de gehuurde penneknechten der regeering, ging alle palen te +buiten. Men aarzelde zelfs niet de populariteit van den prins van Oranje te +ondermijnen en hem op de lasterlijkste manier te beschuldigen: wanneer in +den nacht van 25-26 September 1829 de diamanten zijner echtgenoote in 't +paleis te Brussel op eene geheimzinnige manier gestolen werden, werden door +zekere vuige lieden plakkaten op de muren van Brussel gehecht, waarin de +kroonprins openlijk verdacht gemaakt werd. + +Ondanks die gevaarlijke voorteekens uitte de Koning bij de opening der +Staten-Generaal te 's Gravenhage (19en October) zijne vreugde over de +blijken van genegenheid hem door de Belgische natie in zijne omreis +gegeven; hij kondigde enkele maatregelen aan voor 't welzijn van het +koninkrijk en drukte op het ontwerp van herziening der onderwijswet. Zoo +verzoeningsgezind was de troonrede, dat de Hollanders deze verklaring als +een aftocht der regeering aanzagen. Maar de Belgische afgevaardigden, +aangevuurd door de hevigheid der dagbladen en verbitterd wegens de +schandelijke drukking door de officieele ambtenaren op de laatste +verkiezingen uitgeoefend, hadden beslist de tienjarige begrooting te +verwerpen, indien de regeering aan al hunne eischen niet toegaf. De nieuwe +petities, die reeds op 15en November in de Staten-Generaal toekwamen en die +zoozeer de Hollanders verbitterden, waren niet van aard om de spanning +tusschen de Noordelijke en Zuidelijke afgevaardigden te verzachten. Aan De +Gerlache, die naar de audientie van den Koning gegaan was, om dezen tot +nieuwe toegevingen over te halen, sprak Willem I al zijne minachting uit +voor de liberalen, die hij heerschzuchtige woelgeesten noemde, en zijne +misnoegdheid over de nooit tevreden clericalen; de pers overlaadde hij met +smaadwoorden, en hij uitte zijne vrees voor die soort van geheime en +onverantwoordelijke tegenregeering, die voortdurend beroep doet op de +verderfelijkste hartstochten der onwetende en bijgeloovige massa. "Al de +rechtmatige eischen heb ik ingewilligd, ging Willem voort, doch ik wil niet +dat men de rollen omkeere. Indien het volk souverein is, kan de koning het +niet zijn, want twee onverantwoordelijke machten kunnen in den Staat niet +tegelijkertijd bestaan. Nu, mijne regeering is eene monarchie, getemperd +door een Grondwet. Alle vraagstukken zijn er duidelijk in bepaald; al de +tegenstrijdige theorieen zijn ongrondwettelijk, oproerig en revolutionnair! +Ik ken mijn recht, ik ken mijn plicht, ik zal de bezworen Grondwet uit al +mijne krachten rechthouden!" + +Dezelfde autoritaire geest ademde de beruchte _Koninklijke Boodschap_, +enkele dagen later uitgevaardigd (11en December 1829); en dat juist op 't +oogenblik, dat voor de eerste maal de hoogere ambtenaren het gevaar der +toenemende gisting aan de ministers aanwezen. + +Die boodschap vergezelde het ontwerp van wijziging der pas aangenomen wet +op de drukpers van 16en Mei 1829, die de Koning al te liberaal gevonden had +en die hij wilde zien verscherpen. + +Na een lofrede op de daden zijner regeering sedert 1815, viel hij heftig de +opstellers van het petitionnement aan "die op schandelijke wijze zijne +weldaden miskenden", noemde de pers "onteerd en verlaagd", waarschuwde voor +de "onbedachte aanmatigingen en misplaatste bemoeiingen" van zekere +woelgeesten, en deed zijn inzicht kennen om de kuiperijen van de +kwaadwilligen te beteugelen. Maar ook repte Willem van de "rechten van zijn +huis", verklaarde zonder omwegen zijne aanspraak op de alleenheerschappij +en verwierp dienvolgens de ministerieele verantwoordelijkheid. Om den +indruk van dit stuk nog te versterken, liet de regeering het gerucht +loopen, dat om den weerstand te verbrijzelen, zij de hulp van een Pruisisch +leger zou inroepen. + +'s Anderendaags zond minister Van Maanen de Koninklijke Boodschap tot al de +rechters en ambtenaren, met verzoek om hem, op straffe van afzetting, in de +vier en twintig uren hunne toetreding te sturen "tot de grondbeginselen +welke de Vorst uitdrukkelijk verklaard had de regelen van zijn bestuur te +zijn". Die bemoeiing der Regeering met de denkwijze zijner beambten en die +dwang tot aflegging eener sterke politieke geloofsbelijdenis keurde zelfs +de gouverneur van Zuid-Holland, graaf van der Duyn, ten strengste af. De +uitslag dezer willekeurige, daad liet zich niet wachten; de katholieke +_Courrier de la Meuse_ noemde de Boodschap "het manifest van het +despotismus tegen de vrijheid"; de andere bladen schandvlekten de houding +der Hollandsche afgevaardigden die gedurende de debatten der volgende dagen +van "de alleenheerschappij des Konings" hadden durven gewagen; talrijke +vlugschriften als die van den katholieken Barthelemy Dumortier en den +radikalen Adelson Castiau, beiden van Doornik, vroegen de afdanking van den +"hatelijken" Van Maanen, den boozen genius des Konings; ook L. de Potter, +van uit zijn gevangenis te Brussel, zond zijne _Lettre de Demophile au Roi_ +in 't licht, waarin hij, na de doctrine der souvereiniteit der Keure +tegenover die der souvereiniteit des Konings gesteld te hebben, durfde +schrijven: "Sire, uwe hovelingen en uwe ministers, uwe vleiers en uwe +raadgevers bedriegen u en brengen u op een dwaalspoor; het stelsel waarin +zij de Regeering doen volharden, bedreigt haar met een onvermijdelijke ramp +en voert ze onwederroepelijk ten ondergang". + +In de Staten-Generaal verhieven Le Hon en De Brouckere, De Stassart en De +Gerlache insgelijks de stem tegen de onvoorzichtige handelwijze, der +Regeering en bezwoeren ze de voornaamste eischen hunner landgenooten in te +willigen. De vruchteloosheid hunner pogingen inziende, besloten de +afgevaardigden van het Zuiden al hunne macht tegen de tienjarige, +begrooting van wegen en middelen te richten, en zij hadden de voldoening, +dank zij de ondersteuning van enkele afgevaardigden van het Noorden, die te +verwerpen met 55 stemmen tegen 52; de jaarlijksche uitgaven gingen slechts +met eene stem door. Voor 't overige, als bewijs dat niemand de omverwerping +der regeering vergde, stemde men op staanden voet met eenparigheid van +stemmen een nieuw ontwerp van wegen en middelen, voor een jaar, door 't +Ministerie voorgesteld; uit die voorloopige begrooting was eindelijk de +belasting op het gemaal verdwenen (19en December 1829). Deze was de eerste, +maar gevoelige nederlaag van Koning Willem in de Staten. + +Wel veranderde hij 't Ministerie, maar behield Van Maanen; Van +Gobbelschroy, nu aangesteld voor nijverheid en kolonien, werd vervangen +door een anderen Belg, De la Coste, gouverneur van Antwerpen (29en +December). In plaats dus van te trachten een ministerie van verdrag te +vormen, waarin enkele leiders der oppositie zouden getreden zijn, bleef de +Koning aan zijn stelsel hechten en behield tevens zijn gehaten +vertrouweling. Meer nog; om zich te wreken zette hij op 8en Januari 1830 +zes ambtenaren, leden der Staten-Generaal, van hunne bediening af, omdat +zij tegen de begrootingen gestemd hadden, en een volkomen minachting voor +de grondbeginselen der regeering toonden. Op die onbehendige gewelddaad +antwoordde de Belgische oppositie met, in 17 dagbladen tegelijk, eene +_nationale inschrijving_ te openen om de leden der Staten, slachtoffers van +het despotismus, schadeloos te stellen. Enkele dagen later stelde L. de +Potter, altijd op het voorbeeld van den strijd in Ierland, de stichting van +eenen _Vaderlandschen Bond_ voor, steunende op eene weerstandskas, die +hunne vroegere jaarwedden aan de afgezette ambtenaars zou uitbetalen. + + * * * * * + +De gezanten der vreemde Mogendheden lieten bij dien toestand van opwinding +in de Nederlanden, hunne ongerustheid aan hunne wederzijdsche regeeringen +kennen. De Fransche gezant seinde zelfs het valsche gerucht over, als zou +Willem zijn inzicht te kennen gegeven hebben, hier 25,000 Pruisische +soldaten te ontbieden om de rebellen te straffen. De strijdlustige +Polignac, die met toestemming van Rusland het "groote plan" had opgevat +Belgie in te palmen, dacht er zelfs aan, troepen op de Belgische grenzen +samen te trekken. Maar Frankrijks gevolmachtigde, Lamoussaye, had zich +deerlijk omtrent 's Konings bedoelingen bedrogen; verre van er aan te +denken om den weerstand met geweld te beteugelen, zagen Willem en zijne +ministers met verachting neder op die oppositie welke hij voor een handvol +twistzoekers en woelgeesten aanzag. De jongste daad dezer bent, het plan +van den _Vaderlandschen Bond_, besloot de regeering voorbeeldig te +straffen. Onverhoeds werden de papieren en de briefwisseling, die De Potter +onvoorzichtig bij zich in de gevangenis gehouden had, aangeslagen. Uit de +correspondentie bleek dat Tielemans, een referendaris bij 't ministerie van +buitenlandsche zaken, de ware ingever van het ontwerp geweest was. + +Die ontdekking bracht in de ministerieele kringen eene ware verbijstering +te weeg; nu begreep men hoe de oppositie terstond over al de besluiten of +ontwerpen der regeering ingelicht werd: de hoogere beambten der bureaux, de +personen uit de onmiddellijke omgeving der regeering speelden de +verklikkers en verschaften wapens aan de tegenpartij, + +Vruchteloos wilde Tielemans zijn plan als een "Utopie" doen doorgaan; hij +werd aangehouden met L. de Potter en met de twee opstellers van _Le +Catholique des Pays-Bas_, die den _Vaderlandschen Bond_ aanbevolen hadden, +Bartels en J.-B. de Neve, voor het Assisenhof van Brabant verzonden, +beticht een aanslag en eene samenzwering beraamd te hebben om de regeering +om te werpen of te veranderen. Na een debat van elf dagen werden L. de +Potter tot acht jaar, F. Tielemans en Adolf Bartels tot zeven en J.-B. de +Neve tot 5 jaar ballingschap verwezen (30en April 1830). + +De Brusselsche bevolking, op wie de koene pleidooien van Van Meenen en Van +de Weyer een diepen indruk gemaakt hadden, vernam deze nieuwe veroordeeling +met de grootste verslagenheid. De politie, overigens zeer slecht ingericht, +kon er niet in slagen de opstellers van een hevig plakkaat te ontdekken, +waarin, voor de eerste maal, een oproep tot het geweld te lezen stond: +"Slaapt gij, Belgisch volk? Ontwaakt en wet uwe dolken, om ze in den boezem +uwer verdrukkers, Van Maanen en consoorten, te ploffen ... Vrijheid voor +den heer De Potter! Weg met het ministerie, of de _omwenteling_! Leve de +vrijheid!" + +De gisting groeide nog aan, wanneer drie dagen na 't proces, +niettegenstaande het voorafgaandelijk protest van De Potter's advocaten, +dezes aangeslagene papieren en zijne briefwisseling met Tielemans door +Libry-Bagnano in druk gegeven werden: de griffier van het tribunaal had ze +met toestemming van minister Van Maanen aan den ellendeling geleverd! +Vruchteloos kloegen de beide veroordeelden dit schandelijk misbruik bij den +Koning en de Staten-Generaal aan; beiden moesten zonder genoegdoening het +land verlaten; Frankrijk weigerde de ballingen te ontvangen, die daarop +besloten een toevluchtsoord in Zwitserland te zoeken; in Pruisen, dat zij +doortrokken, ontmoetten zij allerlei moeilijkheden. + +De misnoegdheid sloeg van de straat naar de openbare tribune over. Wel is +waar werd eindelijk het langdurige werk der herinrichting van het gerecht +door de aanneming van een minder wreed strafwetboek volmaakt; maar bij de +bespreking der herziening der wet op de drukpers van 16en Mei 1829, die de +regeering al te vrijzinnig geoordeeld had, werden zulke harde woorden door +de afgevaardigden van het Zuiden uitgesproken, dat zekere ministerieelen +van het Noorden, in woede ontstoken, allen eerbied voor hunne collega's +vergaten. Den 18en Mei 1830, daar men aan de Staten twee Nederlandsche +verslagen aanbood, zonder ze in 't Fransch volgens gewoonte samen te +vatten, bedreigde de Belgische volksvertegenwoordiger Barthelemy de +Hollanders met het gezamenlijk vertrek der Zuidelijke afgevaardigden. +Tweemaal onderging het ministerieele ontwerp eene nederlaag, en slechts met +merkelijke wijzigingen kwam de wet er door (1en Juni 1830). + +Na de kleine seminaries te hebben heringericht, begonnen de nieuwe +bisschoppen, de strijdlustige Van Bommel, Delplancq en Van de Velde, hunne +herderlijke omreis in hunne bisdommen. Het jubileum van Mei, dat +aanzienlijke aflaten verleende, had het gansche land door aanleiding +gegeven tot eene ongemeene opwelling van godsdienstigheid; ook het +toedienen van het vormsel, waarvan sinds lange jaren vele personen +verstoken gebleven waren, gaf aanleiding tot tooneelen van overdreven +vroomheid. In Juni vormde Delplancq in het arrondissement Bergen alleen +40,000 personen en Van Bommel in Limburg meer dan 20,000. Volkomen +beheerschte de geestelijkheid de plattelandsche bevolking; en gezien den +oorlog, die zekere onverzoenbare pastoors de regeering, niettegenstaande +hare laatste toegevingen, aandeden, kan men zich een denkbeeld vormen van +de gisting, waarin de buiten gehouden werd. Is het dan te verwonderen dat +wij later op de lijst der revolutionnaire _Association Belge_ van Parijs, +de namen van drie priesters ontmoeten, J.-J. de Smet en Vandermensbrugghen +van Gent en De Haerne van Ieperen, als "bijzonder geschikt om eene beweging +op touw te zetten"? + +Willem was intusschen zelf naar Brussel gekomen om den toestand der +gemoederen te toetsen; hij besloot nieuwe toegevingen te doen. De belasting +op de koffie, door de Belgen gevraagd, werd op 12en Mei ingevoerd. Het +ontwerp der nieuwe onderwijswet werd ingetrokken, en den 27en Mei vaardigde +hij eene verordening uit, die zonder de algemeene vrijheid van onderwijs te +verleenen, toch de besluiten van 14en Juni en 14en Augustus 1825 +vernietigde. Zoo paaide hij de katholieken. Om de gunst der liberale +advocaten te winnen, stond hij, de volgende week (4en Juni), het gebruik +der Fransche taal in de Vlaamsche gewesten, als gerechts- en ambtspraak, +opnieuw toe. Met vreugde werden beide besluiten door de belanghebbenden +onthaald. + +Het scheen nu dat de hoofdgrieven der oppositie uit den weg geweerd waren; +de dagbladen der Unie spraken hunne hoop uit op eene verandering van +regeeringsstelsel; de verzoening scheen nakend; de prins van Oranje was +zelfs in onderhandeling met Rome om de katholieken uit de Unie te doen +treden, wat den tegenstand zou verbroken hebben. + +Doch plotseling kwam een nieuwe onbehendigheid van het ministerie den +heilzamen uitslag van die reeds eenigszins laattijdige overeenstemming +vernietigen. + +Gedurende den laatsten veldtocht tegen de regeering had de _Courrier des +Pays-Bas_(Augustus-October 1829) in navolging van den _Courrier de la +Meuse_, den Staatsalmanak uitgeplozen, en, met statistieken, de +begunstiging van Holland en de verongelijking van Belgie in de vestiging +van alle voorname Staatsinrichtingen, getoond: het Krijgsgerechtshof en het +Muntwezen waren te Utrecht gevestigd; het Krijgsarsenaal te Delft; de +Krijgsschool te Breda; eindelijk in den Haag, waar reeds alle twee jaren de +Staten-Generaal bijeenkwamen, waren de Ministeries, de Rekenkamer, het Hof +van Adeldom en de Kanselarijen der koninklijke orden gevestigd. Deze +kritiek had de regeering, niet zonder grond, weerlegd, met te toonen dat +Belgie voortdurend het gevaar van eenen Franschen inval liep, 't geen dus +de vestiging der openbare instellingen in het Noorden noodzaakte, en met te +wijzen op zekere belangrijke uitgaven, welke zich de regeering in het +uitsluitend voordeel van Belgie getroost had. Aan de tegenwerping dat de +Hollanders alleen de groote Staatsambten bekleedden, antwoordde men door +eene andere lijst, die bewees dat de Eerste Kamer der Staten-Generaal, door +den Koning benoemd, dertig Belgen en zes-en-twintig Hollanders telde, de +Staatsraad twaalf Hollanders en elf Belgen, de Rekenkamer evenveel Belgen +als Hollanders, en dat de hoogste post des rijks, namelijk die van +Gouverneur-Generaal van Oost-Indie, bekleed was door een Belg, Burggraaf du +Bus de Ghisignies, tot groot misnoegen der hoogere kringen in Holland. + +Die verklaringen konden echter niet opwegen tegen den indruk in Belgie +verwekt door de afkondiging der lijsten van den _Courrier des Pays-Bas_. +Men beschouwde zich als diep verongelijkt. + +En nu, in zulk een toestand kwam eene verordening van 21en Juni 1830 den +zetel van het nieuwe Hooger Gerechtshof in Den Haag vestigen. Opnieuw +haalden de dagbladen der oppositie hunne statistieken uit den hoek; opnieuw +werd geschreeuwd over de Hollandsche overheersching. Overigens, er werd +klaar bewezen dat dit besluit onbillijk en onzinnig was, daar in tien jaar +de Belgische gerechtshoven vijf maal meer burgerlijke processen te +beoordeelen gehad hadden dan het Hof in den Haag. De hartstochtelijke +aanvallen der Belgische drukpers haalden haar nieuwe vervolgingen op den +hals; er was bijna geen enkel dagblad der oppositie, of een zijner +opstellers was voor de rechtbank gedaagd. En intusschen stortte +Libry-Bagnano de hatelijkste scheldwoorden en lasterlijkste aantijgingen +uit in _Le National_, over de tegenstrevers der regeering, zonder aanzien +van personen; zoodat verkleefde dienaars van het huis van Nassau zelf zijne +verwijdering aanraadden. + +Ziehier hoe op 21en Juni 1830, de Oostenrijksche gezant, graaf de Mier, +zich over de Belgische toestanden in een vertrouwelijk schrijven aan zijne +regeering uitdrukte: "Sedert de tien jaar dat ik dit land bewoon, heb ik +slechts een voortdurend veranderen van stelsel, in al de takken van +bestuur, aanschouwd. Ik heb slechts zien breken en maken, zich eerst aan +iets wagen en koppig volharden om dan achteruit te gaan en met kwade luim +toe te geven; een slechte wet voorstellen, veranderen, intrekken, dan +opnieuw, aanbieden; het gemaal belasten, dan vrijstellen; het wijsgeerig +college verplichtend, later facultatief maken en het eindelijk afschaffen; +de studien in den vreemde verbieden en ze weer toelaten; eene zoogezegde +nationale taal opdringen, die door de helft der natie niet begrepen wordt +en dan met tegenzin op die willekeurige handelwijze terugkomen; de drukpers +vrijlaten en ze weer intoomen; -- met een woord, bestendigheid in niets. Is +het dan te verwonderen dat zulk een staat van zaken een bijna algemeene +ontevredenheid verwekt heeft, en dat deze redenen, gevoegd bij eenige niet +minder belangrijke, dit talrijk petitionnement veroorzaakt hebben, dat men +eerst als oproerig bestempelde, en later voer belachelijk heeft willen doen +doorgaan? Maar dit petitionnement voor de herstelling der grieven heeft +grootendeels den uitslag bekomen, dien zijne inrichters beoogden -- , en de +regeering, ofschoon zij deze als voorgewende grieven en de oppositie als +woelziek uitgeeft, heeft de wezenlijkheid dezer grieven herkend met ze te +herstellen, heeft zich door de bent overwonnen verklaard met aan hare +klachten toe te geven, en heeft zich zelf gelogenstraft, met heden aan de +kwaal te meesteren, die zij gisteren nog ontkende. Zoo is 't dat, dank zij +'t petitionnement, de belasting op 't gemaal uit de Staatsbegrooting +verdwenen is, dat het heffen van een accijnsrecht op de koffie een stelsel +ingevoerd heeft, minder nadeelig voor de landbouwbelangen der Zuidelijke +provincien, dat de bepaling, die de beambten met burgerlijke onbevoegdheid +sloeg, wanneer het bestuur hun geen eervol ontslag verleende, afgeschaft +is. Zoo is 't eindelijk, dat, op dezelfde wijze, de besluiten op onderwijs +en taal afgeperst geworden zijn. Moet dit alles de regeering en den Koning +niet kleineeren in de oogen zijner eigene onderdanen, en ze vernederen bij +de andere regeeringen?" + +Men begrijpe goed den zin dezer gegronde opmerkingen; de vreemde gezant +veroordeelt Willem's regeeringstelsel niet om zijne veranderingen, hij is +geenszins een voorstander van het koppig vasthouden der slechte besluiten; +maar hij laakt het verkeerde beleid van den Vorst die altijd in der haast, +zonder voorafgaandelijke inlichtingen, zonder voldoende kennis der +toestanden, verordeningen uitschreef die alras, zoo niet onbillijk, dan +toch onvoorzichtig bleken te zijn. + +Alhoewel klaarziende opmerkers, zooals Thorbecke, in dien tijd hoogleeraar +te Gent, alsdan reeds eene scheuring voorzagen, leefde het opperbestuur te +midden van de gisting der gemoederen in een vast zelfvertrouwen, in een +bewustelooze zekerheid. Uitgaande van den geest der Hollandsche bevolking +die elke andere drijfveer op den achtergrond schoof en zich alleen gevoelig +betoonde voor de oeconomische belangen, dacht de regeering dat het voldoende +was grooten bloei en welstand aan de Zuidelijke provincien te verzekeren, +om hunne genegenheid te verwerven. Dit denkbeeld versterkte zich bij den +Koning, na de opening in Juli 1830 van de Nationale Tentoonstelling te +Brussel, die, overigens een welverdienden bijval genoot. De vooruitgang van +nijverheid, wetenschap en kunsten, waarvan zij getuigenis aflegde scheen +hem een verheerlijking van zijn bestuur; de stoffelijke voorspoed van het +koninkrijk bleek hem een waarborg voor de openbare rust. + +En inderdaad, op dat oogenblik, dacht niemand noch aan scheiding, noch aan +omwenteling. De latere getuigenissen van de hoofdleiders van de beweging, +L. de Potter, J.-B. Nothomb, baron de Gerlache, stemmen daaromtrent +eenparig met de toenmalige verslagen van de gezanten overeen. De oppositie +bleef steeds binnen de palen der wettelijkheid, toen eensklaps de +gebeurtenissen in het naburige Frankrijk, die toenmaals veel meer dan nu +zulke hevige weerkaatsing op de Belgische aangelegenheden uitoefenden, het +koninkrijk der Nederlanden, dat heerlijk gebouw door de Mogendheden in 1814 +opgericht, op zijn grondvesten deden beven en met geweld instorten. + + +Bibliographie + +a) OFFICIEELE AKTEN: J. J. F. Noordziek, _Verslag der handelingen van de +Staten Generaal_, 's Gravenhage, 1862, vlgde; _Nederlandsche +Staatscourant_, sedert 1814; -- b) DAGBLADEN: _Le Courrier des Pays-Bas_ +(Gent, sedert 1821, liberaal); _Mathieu Laensberg_ (Luik, 1824) later _Le +Politique_ (1829, liberaal); _Le Belge_ (Brussel, 1826, gematigd liberaal); +_Le Journal de Gand_ (Gent, 1815, liberaal); _Le Courrier de la Meuse_ +(Luik, 1820, katholiek); _Le Catholique des Pays-Bas_ (Gent, 1826); _De +Vaderlander_ (Gent, 1829, katholiek). -- _De Nederlandsche Gedachten_ ('s +Gravenhage, 1829) en _Le National_ (Brussel, 1829), organen der regeering. +Vgl. W. P. Santijn Kluit, _Dagbladvervolgingen in Belgie_ ('s Gravenhage, +1892). -- c) VLUGSCHRIFTEN: De 126 voornaamste zijn opgesomd bij Pater +Delplace, _La Belgique sous Guillaume I_ (Leuven, 1899), blz. 221-224. --d) +BRIEVEN: A. R. Falck, _Brieven_ ('s Gravenhage, 1861) en _Ambtsbrieven_ ('s +Gravenhage, 1878); _Catalogue des lettres autographes formant les archives +de M. C. F. van Maanen_ ('s Gravenhage, 1900). -- e) GEDENKSCHRIFTEN: J. +Lebeau, _Souvenirs personnels et Correspondance diplomatique_ (Brussel, +1883); J. J. Raepsaet, _Journal de la Commission chargee d'elaborer la Loi +Fondamentale_, in _OEuvres Completes_, dl. VI (Gent, 1838). -- L. de Potter, +_Souvenirs personnels_, 2 dln. (Brussel, 1839); H. de Merode-Westerloo, +_Souvenirs_ (Brussel, 1864). -- f) GELIJKTIJDIGE WERKEN: J. B. Nothomb, +_Essai historique et politique sur la Revolution beige_ (Brussel, 1833) en +B^on C. de Gerlache, _Histoire du Royaume des Pays-Bas_ (Brussel, 1839); +beide werken, opgesteld door twee hoofdleiders der katholieke partij tegen +de regeering van Willem I, zijn eerder twee verdedigings- of +ophemelingsschriften hunner schrijvers en dus zeer partijdig -- B^on de +Mortemart-Boisse, _Le Royaume des Pays-Bas_ (Parijs, 1836); A. Quetelet, +_Recherches statistiques sur le Royaume des Pays-Bas_ (Brussel, 1829); A. +J. L. Van den Bogaerde van Ten Brugge, _Essai sur l'importance du commerce, +de la navigation et de l'industrie dans les Pays-Bas_ (Brussel, 1844). -- +g) MODERNE GESCHIEDKUNDIGE WERKEN: L. Hymans,. _Histoire politique et +parlementaire de la Belgique de 1814 a 1830_, dl. I tot 1815 alleen +verschenen (Brussel, 1869). -- P. Poullet, _Les premieres-annees du R^me +des Pays-Bas_, 1815-1818 (_Revue Generale de Belgique_, 1896-97); +_Relations inedites sur les debuts de la Revolution belge (Ibid._ 1897); +nog dezelfde, _La Sainte Alliance et le R^me des Pays-Bas (Annales +Internat. d'Histoire_, Congres de Paris, 1901). -- Deken S. Balau, _70 ans +d'histoire contemporaine de la Belgique_, 1815-1884 (Leuven, 1891); Pater +Jezuiet L. Delplace, _La Belgique sous Guillaume I_ (Leuven, 1899). -- J. +de Bosch Kemper, _De staatkundige geschiedenis van Nederland tot 1830_ +(Amsterdam, 1868); Dr W. J. Nuyens, _Geschiedenis van het Nederlandsche +volk van 1815 tot op onze dagen_. (Amsterdam, 1883 vlgde);. W. H. de +Beaufort, _De eerste Regeeringsjaren van Koning Willem I_ ('s Gravenhage, +1885); W. J. Knoop, _Herinneringen aan de Belgische Omwenteling van 1830_ +('s Gravenhage, 1886); Dr Th. C. Colenbrander, _De Belgische Omwenteling_ +('s Gravenhage, 1905). Zie verder B^on de Keverberg, Ch. White, Th. Juste, +Ch. de Bavay. + + + + +DE BELGISCHE OMWENTELING + +DOOR + +VICTOR FRIS + + +"Indien er geen geweldige beweging in Frankrijk ontstaat, schreef de gezant +De Mier in het verslag dat we aan het slot van het vorige stuk ontleed +hebben, mag men gerust zijn dat dit land hier niet zal verroeren" (21en +Juni 1830). Doch toen reeds was Parijs in volle gisting; de reactionnaire +minister De Polignac, de Van Maanen van Karel X, die domweg op eene +onmogelijke omkeering der openbare meening rekende, had de Kamer ontbonden +en nieuwe verkiezingen uitgeschreven; deze echter vermeerderden nog het +getal van de afgevaardigden der oppositie. Alsdan, steunende op den bijval +en het gezag van het leger dat Algiers juist ingenomen had (6en Juli), +dacht zich de Regeering sterk genoeg om een Staatsgreep te plegen: door +vier verordeningen werd de Kamer naar huis gezonden, nieuwe verkiezingen +bepaald, een kiesstelsel in twee graden ingevoerd en de vrijheid van +drukpers afgeschaft (26en Juli). 's Anderendaags brak te Parijs, dank zij +die daden van geweld, de Juli-Omwenteling los; koning Karel X vluchtte naar +Engeland, zijn neef Louis-Philippe van Orleans werd luitenant-generaal van +het Rijk benoemd (31en Juli) en aanvaardde op 't einde der week het +koningschap. + +Men kan zich ternauwernood voorstellen met welk gejuich de Parijsche +opstand gansch Europa door onthaald werd. Al de volken die gebukt gingen +onder het juk van het Heilig Verbond, al de vrijzinnigen die eenigszins +onder dwang leden, staarden met vreugdige oogen naar de wereldstad, die +zich zoo onverwachts, zoo snel en zoo zeker van een reactionnair bewind +bevrijd had. Terstond snelden ballingen, uitwijkelingen en ook liberalen +uit den vreemde naar de oevers der Seine, om zich aan de bron der vrijheid +te gaan laven. + +Geen wonder dan, dat in het nabijgelegen Belgie, waar de gansche +dagbladpers, trouwens grootendeels in handen van Fransche opstellers, +voortdurend het oog gericht had op Parijs en hare lezers met het nieuws uit +Frankrijk voedde, de opstand van Parijs de grootste ongerustheid baarde. +Verschillend was de indruk op de beide partijen der Unie: terwijl de +Katholieken den val van Karel X, bondgenoot der geestelijkheid, +bejammerden, juichten de Liberalen de overwinnaars der Juli-Omwenteling, +als de verdedigers der grondwettelijke theorieen, dapper toe; zij wezen +zelfs Van Maanen op Polignac's handelwijze als op een voorbeeld en +voorspelden hem hetzelfde lot. + +Doch er was een derde partij, die tot dan toe zeer gering in aantal en +zonder invloed op de massa gebleven was, maar door den buitengewonen aard +der omstandigheden plots een onverwacht belang verkreeg. Zij was +hoofdzakelijk samengesteld uit gewezen ambtenaren van de Fransche Republiek +en van het Keizerrijk, die koning Willem onvoorzichtig in zijne bureaux had +opgenomen, uit talrijke Fransche ballingen, meestal Jacobijnen of +oud-soldaten van Napoleon, en uit ettelijke Waalsche advocaten. Deze +laatsten, aan wier hoofd Alexander Gendebien, een hartstochtelijk vereerder +van Frankrijk en een vijand van Holland stond, waren meest allen Franschen +door afkomst of door opvoeding. De meesten onder hen waren vroeger leden +van de liberale oppositie geweest, maar medegesleept in de Fransche bent +door den machtigen redenaar en volksopruier die Gendebien was, namen ze nu +deel aan de kuiperijen die de samenzwering begonnen voor te bereiden: zoo +de beide Rogiers, Charles en Firmin, te Saint-Quentin geboren; later Ch. De +Brouckere en Le Hon. Onder de Klerikalen verborgen de beide De Merode's, +Frederik, oud-meier van St Luperce bij Chartres, en Felix, pas in Februari +uit Frankrijk teruggekeerd, hunne voorliefde voor hun geboorteland niet; en +Robiano de Borsbeek, de correspondent der Fransche Jezuieten alhier, +schijnt geld van hen ontvangen te hebben om de regeering te bestrijden. + +De voornaamste Fransche uitwijkelingen, op dit oogenblik te Brussel +aanwezig, heetten P. Chazal (geboortig van Tarbes, in Zuid-Frankrijk), +A.-J. Mellinet (Corbeil-bij-Parijs), Ch. Niellon (Parijs), Burggraaf de +Culhat en Ernest Gregoire (Charleville); daarnevens eindelijk de Spanjaard +don Juan van Halen. Enkele dezer ballingen waren republikeinschgezind, en +Gregoire stond bepaald in betrekking met La Fayette, den bekenden held der +groote Fransche Omwenteling van 1789. + +Gendebien besloot met de Fransche Clubs overeen te komen, die, niet +tevreden met den triomf hunner denkbeelden in Frankrijk, de omwenteling in +de naburige landen wilden overbrengen; alsook met die fractie, door +generaal Lamarque en Mauguin aangevoerd, welke den Parijschen opstand en de +oorlogszucht der menigte wilde gebruiken, om de Fransche grenzen tot aan +den Rijn uit te breiden. "Sedert den 2en of 3en Augustus, briefde hij aan +De Potter over, heb ik naar Parijs geschreven om te vragen, dat men +rechtuit zou verklaren, of men de Rijngrenzen verlangde, en ik waarborgde +een volledigen uitslag in geval van aanval". Op hunne beurt vertrokken De +Brouckere, Le Hon en De Stassart naar Parijs om er de nieuwe Regeering +nopens hare inzichten te polsen, en zij onderhandelden aldaar eveneens met +de generaals Lamarque en La Fayette en met den leider der Liberalen, Odilon +Barrot, over de inlijving van Belgie bij Frankrijk. Bij hunnen terugkeer +vergaderden de Franschgezinden, op aandrang van Gendebien, in de bureaux +van den _Courrier des Pays-Bas_, om te beslissen hoe men uit de +Juli-Omwenteling partij zou trekken, en op eene stem na, verklaarden zij +zich allen voor de vereeniging met Frankrijk (8en Augustus 1830). + +Dienzelfden dag was koning Willem in Brussel aangekomen, en ging den 10en +Augustus met prins Frederik en minister van Gobbelschroy de Brusselsche +Tentoonstelling bezoeken. Met gejuich, door de bevolking onthaald, werd hij +nog in zijne zekerheid gesterkt door de persoonlijke bevestiging van +getrouwheid, welke zekere liberale hoofdleiders aan den prins van Oranje +gegeven hadden, en niet minder door de gematigde taal welke de voornaamste +dagbladen voerden. + +Nochtans dachten zekere hooggeplaatste ambtenaren hem te moeten waarschuwen +tegen de schijnbare rust die onder de bevolking heerschte. Immers reeds den +21en Juli had Libry-Bagnano den minister Van Maanen ingelicht, dat hij op +het spoor was van eene verbintenis tusschen de Jacobijnen van hier en die +van Frankrijk; zoodat Gendebien's kuiperijen schijnen uitgelekt te zijn. De +voorzichtige Procureur-Generaal Schuermans raadde den koning aan, de Belgen +nog op zekere punten toe te geven, en wees er op, hoe hardnekkig zekere +kleine pers de populariteit van den prins van Oranje zocht te ondermijnen. +De militaire gouverneur van Zuid-Brabant, graaf de Bijlandt, zag zich +echter de gevraagde vermeerdering van troepen weigeren. Graaf de +Mercy-Argenteau, groot kamerling, bezwoer den Koning nog wat in Brussel te +vertoeven, of ten minste, voor zijn vertrek, het opperbestuur der politie +in de hoofdstad te regelen voor 't geval van onlusten. De vorst stelde hem +met enkele onbepaalde woorden gerust en vertrok den 12en Augustus naar zijn +kasteel van Het Loo in Gelderland; hij beval alleen enkele +versterkingstroepen naar Philippeville en Mariembourg te zenden; hij meende +dat de snelheid waarmede het bestuur van Louis-Philippe zich gevestigd had, +dadelijk de rust in Frankrijk, en bij weerslag, in Belgie zou hersteld +hebben. + + * * * * * + +Na Willem's vertrek was te Brussel de Franschgezinde partij stoutmoediger +geworden; rumoerige groepen doorliepen de straten, de driekleurige cocarde +in het knoopsgat; met kwistige hand verspreidde men schriften, luidend als +volgt: "Franschen! doet slechts een stap vooruit en Belgie bekoort u toe!" +en men hoorde den kreet: "Leven de Franschen! Leve de vrijheid!" Voorzeker +waren er zendelingen der Parijsche radicalen in de hoofdstad. + +Op 15en Augustus zond het Fransche gouvernement een geheimen agent, gewezen +secretaris van graaf de Celles, aan Gendebien, om hem te verzoeken de +hoofdrichting der omwenteling in handen te nemen, doch de losbarsting te +verdagen tot dat Frankrijk in staat zou zijn deze te ondersteunen. De agent +legde den betreurenswaardigen toestand van het Fransche leger bloot en +toonde dat er drie maanden noodig waren om het herin te richten; hij maande +beslist aan dat men alles tot rust moest brengen en gedurende een jaar +allen opstand tegenhouden. Daarop riepen Gendebien en Van de Weyer in 't +geniep hunne aanhangers in de bureaux van den _Courrier des Pays-Bas_ +bijeen. Zij verklaarden hun dat de omwenteling rijp was en dat men deze +moest inrichten; maar zij werden door de meerderheid tegengesproken, die +besliste dat men de beweging nog zou verdagen tot midden September. Den +21en Augustus vertrok Gendebien, op aandringen zijner vrienden, naar +Parijs; maar onverwachte gebeurtenissen beletten hem verder te gaan dan +Bergen, zijne vaderstad, waar hij ook de leiders zocht te bedaren. + +Intusschen waren L. de Potter en zijne gezellen, die in Duitschland de +Fransche Omwenteling vernomen hadden, in allerijl uit Straatsburg naar +Parijs vertrokken. De aanwezigheid van dien woelzieken republikein in +Frankrijks hoofdstad was voor de Regeering een dreigend gevaar, voor +Gendebien en zijn aanhang een machtig steunpunt. + +Als naar gewoonte zou men op 24en Augustus 1830 den verjaardag des Konings +vieren; te Brussel besloot het gemeentebestuur er eene ongewone pracht aan +bij te zetten en gansch het Park te verlichten; onvoorzichtig besloot men +de gehate belasting op het gemaal te behouden om de 40,000 frank kosten te +dekken. Eeeds den 22en werden briefjes rondgestrooid: "Maandag 23en +Augustus, vuurwerk; Dinsdag 24en, verlichting! Woensdag 25en, +omwenteling!" Verwittigd dat er oproer op handen was, besloot de politie +de verlichting uit te stellen, onder voorwendsel van mogelijk slecht weder; +en nochtans namen de overheden, als de gouverneur van Brabant Van der +Fosse, de bestuurder der politie De Knijff, de bevelhebber der burgerwacht +Germain of de burgemeester De Wellens, niet de minste voorzorg om in +voorkomend geval den opstand te beteugelen! Toch kende men de oproerige +taal der dagbladen der oppositie, die met eene ongehoorde woede de +Regeering en zelfs den Koning sedert tien dagen aanvielen, en de hoofden +trachtten op hol te brengen. Van zulken aard was de houding der Brusselsche +burgerwacht, die gewoonlijk na iedere oefening de wapens aflegde, doch ze +nu beweerde te behouden, dat men ze niet meer durfde bijeenroepen. Men +wist, door de verslagen der politie, dat groepen werkloozen in de +arbeiderskwartieren eene dreigende houding aangenomen hadden, en dat +onbekende zendelingen drank betaalden, geld uitdeelden en toespraken +hielden. + +Die opruiers waren agenten der Fransche clubs, welke te Parijs eene geheime +regeering naast het Ministerie vormden; deze, bedrijvig, hartstochtelijk en +rumoerig, gansch in strijd met de vreesachtige voorzichtigheid van +Louis-Philippe, spraken van propaganda en wilden dat men de hand op Belgie +legde. De hoofden dezer partij, zooals de generaals Lamarque en De +Richemont, onderhielden eene drukke briefwisseling met de Belgische +Franschgezinden. In 't midden van Oogstmaand zond de Club _Les Amis du +Peuple_ verscheidene agenten uit Parijs naar Belgie om er de geesten op te +winden. Het zijn die agenten welke, in den nacht van 25en tot 26en +Augustus, te Brussel het oproer verwekten, dat aanleiding tot de +Omwenteling geven zou. + + * * * * * + +Onvoorzichtig had de politie dien avond, in den Muntschouwburg, de +vertooning van _La Muette de Portici_, van Auber, toegelaten. Dat stuk was +sedert de woelzieke vertooning van 1en Augustus verboden, daar het +onderwerp, de opstand van den Napolitaan Masaniello tegen de Spaansche +verdrukkers, uitstekend geschikt was, om aan het publiek de gelegenheid tot +revolutionnaire betoogingen te verschaffen. + +[Figuur: Verwoesting van het huis van Libry-Bagnano in den nacht van +25 tot 26 Augustus 1830] + +Gedurende de opvoering weerklonken herhaaldelijk de kreten: "Weg met den +Koning! Leve Frankrijk!" Bij 't einde van 't schouwspel schoolde de menigte +saam op het geroep: "Weg met Van Maanen! Weg met Libry!" Aangeleid door +voornaam gekleede belhamels, die terstond na het oproer verdwenen, liep de +menigte naar de bureaux van de _National_ de ruiten inslaan, verwoestte +daarna den boekwinkel van Libry, keerde zich vervolgens tegen de huizen van +den Procureur-Generaal en van den bestuurder der politie die hetzelfde lot +ondergingen, en stak ten slotte het vuur aan het hotel van den minister van +justitie Van Maanen, den impopulairen gunsteling van Koning Willem I. + +Die volksoploop, zonder plan of leiding, kon gemakkelijk door het +garnizoen, hoe gering het ook was, onderdrukt worden; maar op dit oogenblik +betoonden de regeeringspersonen, door hunne ongelooflijke zwakheid en hun +volkomen gemis aan tegenwoordigheid van geest, een bepaald plichtverzuim. +De burgemeester van Brussel was op zijn buiten! De bevelhebber der +burgerwacht hield zich uit schrik in zijn huis opgesloten! Generaal de +Bijlandt wachtte vruchteloos op bevelen; de militaire gouverneur hield zich +alsof de zaak hem niet aanging; de troepen, die intusschen de wapens gevat +hadden, moesten uit eigen beweging optreden, en om 5 uur 's morgens hadden +zij nog geen bevel tot handelen gekregen! Politie en leger toonden zich zoo +onmachtig en lijdzaam, dat de stoutmoedigheid der oproerlingen weldra geen +palen meer kende en de oploop zich ongehinderd uitbreidde. In plaats van de +troepen krachtig tegen de muiters te doen optreden, trok men ze rond den +middag (26en Augustus) voor de Bank en de Paleizen samen, waar ze tot den +3en September in eene onverklaarbare werkeloosheid gehouden werden. + +Bij de oproermakers had zich intusschen eene bende plunderaars gevoegd en +dat gepeupel brak de wapenwinkels open, plunderde de handelsmagazijnen, +vernielde het hotel van 't Provinciaal Bestuur en stak de woningen van een +generaal en een kolonel in brand. Benden werklieden, meestal dronken, +liepen naar de voorgeborchten en vernielden de weeffabrieken Basse in de +stad, Rey te Kuregem, Bal en Fortin te Vorst, Wilson te Stalle: het was hun +vooral te doen om de mechanieken te verbrijzelen die het getal +handarbeiders verminderden. De beweging begon meer en meer te ontaarden in +eene soort van straatrooverij, die zich om politieke beweegredenen niet +bekommerde. Wel is waar stak 's morgens een vreemde belhamel de Fransche +vlag op het stadhuis uit; doch Ducpetiaux verving ze dadelijk door de oude +driekleur van de Brabantsche omwenteling, die op luid applaus door de +samengeschoolde menigte begroet werd; reeds 's avonds droeg men in Brussel +uitsluitend zwart-rood-gele linten. Van dit oogenblik af nam de beweging +een Belgisch karakter aan. + +Gezien de achteloosheid der overheden besloten enkele krachtdadige burgers +ernstige maatregelen te nemen om de orde te herstellen. Zij verkregen van +den gouverneur de herinrichting eener nieuwe burgerwacht, daar de +bevelhebber der oude nergens te vinden was. Reeds waren 's namiddags 300 +burgers op de Groote Markt vereenigd en gewapend, en hun getal klom 's +anderendaags tot 2000; meest alle de Franschen, die zich in groot getal te +Brussel bevonden, namen plaats in de rangen der wacht en verkregen, daar +zij oud-gedienden waren, een of ander bevelhebberschap. Aan het hoofd werd +de volksgeliefde Baron Emmanuel d'Hoogvorst geplaatst, onder wiens bevelen +de dappere generaal Van der Smissen en de oud-officier uit Oost-Indie, +Karel Pletinckx, stonden; beiden vroeger uit den dienst getreden, de eerste +wegens eene beenbreuk, de andere bij gebrek aan bevordering. + +De benden van het gepeupel achtervolgden eischend en dreigend de +burgerwacht, zoodat den 27en 's avonds, bij het zicht der nieuwe +gewelddaden dezer plunderaars en brandstichters, twee burgernachtronden op +hunne woeste groep schoten, wat hun niet weinig schrik inboezemde. + +Het gemeentebestuur, dat overigens even min kloekmoedigheid betoonde als de +regeeringspersonen, had nochtans de belasting op het gemaal afgeschaft. +Baron d'Hoogvorst en Graaf de Bijlandt vaardigden den 28en, wanneer de rust +eenigszins hersteld was, elk eene proclamatie uit, waarin beloofd werd dat, +"zoolang de goede orde, welke door de burgerwacht gewaarborgd was, niet +gestoord werd, de versterkingstroepen die men verwachtte, de stad niet +zouden binnendringen." Dat was eene capitulatie voor de muiters. + +Reeds waren de overheden zonder invloed; zij hadden niets meer te zeggen; +het kwartier-generaal der burgerwacht oefende reeds feitelijk de macht uit; +de hoofden der wacht weigerden zelfs met minister Van Gobbelschroy te +onderhandelen; en de dagbladschrijvers der oppositie, Jottrand, Ducpetiaux +en Lesbroussart, steunende op de misnoegden die grondwettelijke vrijheden +wilden veroveren en de Hollandsche overheersching afschudden, leidden op 't +Stadhuis de handelingen van Baron d'Hoogvorst. Den 28en 's avonds +vergaderden op 't stadhuis 50 notabelen, onder welke talrijke edelen als de +twee De Merode's, graaf de Lalaing, de twee d'Hoogvorsten; Baron de Secus, +afgevaardigde, werd tot voorzitter en Sylvain Van de Weyer tot secretaris +gekozen. Buiten de tusschenkomst van den gouverneur of van den gemeenteraad +stelden zij een Adres aan den Koning op, waarin zij, verre van te denken +aan een voorstel van scheiding tusschen Belgie en Holland, eenvoudig den +vorst bezwoeren de eischen der Belgen in te willigen, en verklaarden "dat +indien de natie niet gerustgesteld werd, niets aan de goede burgers van +Brussel verzekerde, dat zij zelf geene slachtoffers hunner pogingen tot +rustherstelling zouden worden." + +Aldus had de triomf van de Oppositiepartij, die den Brusselschen adel en de +burgerij beheerschte, op de Fransche bent en het gepeupel, aan den oploop +een gansch ander karakter weten te geven: men deed de gewelddaden eeniger +roofzieke en aangehitste benden voor den wettigen opstand van eene recht +eischende bevolking doorgaan! De staf der wacht wilde uit den stand der +zaken partij trekken, om zijne eischen te doen gelden; de raad der +notabelen neemt, zonder eenig recht, openlijk de leiding der beweging: 't +is op dit oogenblik dat de omwenteling eigenlijk begint. + + * * * * * + +Het Adres werd toevertrouwd aan een afvaardiging samengesteld uit Felix de +Merode, J. d'Hoogvorst en Rouppe, twee oud-burgemeesters van Brussel, en +(o wonder!) S. Van de Weyer en A. Gendebien, welke laatste bij het vernemen +der gebeurtenissen te Brussel, in allerijl uit Bergen teruggekeerd was en +zijn reis naar Parijs had opgegeven. + +Koning Willem, diep getroffen bij het nieuws over het gebeurde te Brussel, +was uit Het Loo naar Den Haag geijld, om te beraadslagen met de prinsen en +de ministers. Van Maanen raadde de onderdrukking door het geweld aan; de +prins van Oranje verklaarde zich voor toegeving en verzoening genegen. Men +besloot 6000 man op marschpas, onder het bevel der twee prinsen, naar +Brussel te zenden en ook de Staten-Generaal voor 13en September samen te +roepen. Die halfslachtige maatregel, door Willem's gewone besluiteloosheid +ingegeven, werd nog verergerd door het feit, dat hij geen bepaalde volmacht +aan den prins van Oranje verleend had. Na een dag te Antwerpen verloren te +hebben, kwamen beide zonen van Willem hun hoofdkwartier te Vilvoorde +vestigen, in plaats van op Brussel te rukken (30en Augustus). + +Het langzame naderen der troepen, de verbijstering en de werkeloosheid der +overheden, de stoutmoedigheid der dagbladen der oppositie, de koenheid van +zekere leiders, die reeds van een Voorloopig Bewind durfden spreken, het +nieuws van den opstand te Luik, waar men de Luiksche kleuren liet wapperen, +en van het oproer te Verviers en te Leuven brachten in de hoofdstad eene +altijd aangroeiende gisting teweeg: hoe meer de Regeering aarzelde en zich +achteruittrok, hoe grooter de eischen werden. + +'s Anderendaags ontboden de twee prinsen in hun kamp, niet den gouverneur +of den burgemeester, maar Baron d'Hoogvorst, bevelhebber van de +burgerwacht. Hij kwam met generaal Van der Smissen en de twee burgerlijke +raadgevers van den staf, Van de Weyer en Rouppe, en noodigde ze uit om zich +alleen onder hun geleide naar Brussel te begeven. Maar de prinsen eischten +de verwijdering der Brabantsche kleuren en den intocht hunner troepen +binnen Brussel. Toen d'Hoogvorst die eischen van op 't Stadhuis liet +afkondigen, weerklonk uit de menigte de kreet: "Te wapen! naar de +barricaden!" 8000 man namen de wapens, de winkels werden gesloten en de +kassijsteenen in de straten uitgebroken, door degenen die dat kunstje te +Parijs geleerd hadden! Eene tweede afvaardiging onder Baron de Secus' +geleide trok in den avond nog naar Vilvoorde, om de prinsen over te halen +geen gewapenden aanval tegen de hoofdstad te ondernemen. Na twee lange uren +bespreking, stemde de prins van Oranje er in toe, onder waarborg van zijn +persoon en zijne vrijheid, alleen door zijn staf vergezeld, binnen Brussel +te komen; de burgerwacht zou worden uitgenoodigd hem te gemoet te gaan; de +kroonprins rekende op zijne populariteit om de gemoederen tot rust te +brengen en zich op te dringen. Maar een bittere teleurstelling wachtte hem: +niet alleen werd hij ijskoud onthaald, hoorde te allen kante het geroep: +Leve de vrijheid! dreunen, zag slechts overal de Brabantsche kleuren, +ontwaarde alleen verwoede gezichten, maar aan 't stadhuis gekomen werd hij +zelfs bedreigd en moest zijn paard over eene barricade doen springen om +zijn Paleis te bereiken. Zijn ridderlijke moed kon niemand meer bewegen! +Niettegenstaande den aanslag tegen hem gericht, besloot hij Brussel niet te +verlaten vooraleer eene verzoening bewerkt te hebben. Met dat doel +vaardigde hij eene proclamatie uit die de bevolking aanmaande om de orde te +handhaven, haar belovende dat de troepen niet zouden binnentrekken. Daarna +benoemde hij eene commissie, onder voorzitterschap van den oud-minister +hertog van Ursel, gelast om met hem de geschikte maatregelen te treffen, +doch hij beging de ongelooflijke fout, op aanraden van Baron d'Hoogvorst, +er ook Sylvain Van de Wever en Rouppe in op te nemen. + +Dienzelfden dag kwamen de afgevaardigden uit Den Haag terug; het onthaal +van het Hollandsche volk was zoo vijandig geweest, dat men een oogenblik +mocht vreezen voor hun leven. Op hun aandringen tot invoering der +ministerieele verantwoordelijkheid, verwijdering van minister Van Maanen, +rechtmatigheid in de benoeming der ambtenaren en in de verdeeling der +Staatsinstellingen, antwoordde hun Willem ontwijkend dat hij geen +beslissing kon nemen, die den schijn zou hebben afgedwongen te zijn. Tot +tranen bewogen, zeide hij: "Ik wil niet het bloed mijner onderdanen doen +stroomen; ik heb een afschuw van bloedvergieten. Maar ik zou Europa tot +spot verstrekken, indien ik met het pistool op de keel, week voor onzinnige +bedreigingen, voor klachten en grieven, die alleen bestaan in de +verbeelding van eenige ruststoorders." De vorst beloofde echter een +buitengewone bijeenkomst der Staten-Generaal tegen 19en September. De +minister La Coste hoorde zelfs met welwillendheid Gendebien's programma +eener vreedzame oplossing aan, door L. de Potter reeds vroeger in een brief +aan den Koning voorgesteld, namelijk _de onmiddellijke scheiding van Belgie +en Holland_, met den prins van Oranje als onderkoning of +luitenant-generaal. Dit werd het ordewoord der omwenteling. Nog in den +nacht van len tot 2en September zocht Gendebien, die, naar aanleiding van +de zending naar Den Haag, in 't Paleis in gehoor ontvangen was, den prins +tot dit denkbeeld over te halen, en durfde hem voorstellen om hem den +volgenden middag als Koning der Belgen te doen uitroepen. Prins Willem wees +dit voorstel van den huichelaar met verontwaardiging af: "Het nageslacht, +sprak hij, zal niet zeggen dat een Nassau de kroon van zijns vaders hoofd +rukte om ze op het zijne te plaatsen;" hij wilde geen ander rol vervullen +dan die van bemiddelaar. + +'s Anderendaags wandelde de prins in de Warande en in de omstreken; de stad +scheen rustig; hij gaf een groot gastmaal aan de voornaamste overheden, +onder welke ook d'Hoogvorst met zijne twee adjudanten, Rouppe en Van de +Weyer; in den avond kwam de bevolking, opgeruid door enkele Fransche en +inlandsche muiters, weer in beroering. Op de Groote Markt kreet men tegen +het niets-zeggend Verslag door de afvaardiging uit Den Haag meegebracht; +men scheurde het van de muren en verbrandde het met eene Proclamatie der +Raadgevende Commissie, die kalmte en vertrouwen aanbeval. + +Den 3en September ontving de Prins de te Brussel aanwezige leden der +Staten-Generaal, waaronder degenen die pas uit Parijs teruggekeerd waren. +Zij achtten zich geoorloofd te verklaren, dat Belgie's vurigste wensch de +volledige scheiding tusschen de Zuidelijke en Noorderlijke provincies was, +zonder andere gemeenschap dan het regeerend stamhuis, en dat, +niettegenstaande de opgewondenheid der gemoederen, het behoud van het +vorstenhuis het eenparig verlangen der Belgen bleef. In dezen zin had ook +de Raadgevende Commissie eenparig gestemd. Om 11 uur kwam d'Hoogvorst, de +opperbevelhebber der burgerwacht, omringd door zijne officieren, verklaren +dat hij niet langer voor de veiligheid van den prins borg kon staan, en +verzocht hem Brussel te verlaten; hij drong insgelijks aan op den aftocht +der troepen en op het toestaan der bestuurlijke scheiding. + +De prins aarzelde; doch het nieuws van den opstand van Leuven dat zijn +garnizoen verjaagd had, en de aankomst der voorwacht der Luiksche +vrijwilligers gaf hem de overtuiging dat hij aan den wassenden stroom niet +langer zou kunnen wederstaan. Nochtans, vooraleer met minister Van +Gobbelschroy en den hertog van Ursel bij zijnen vader naar den Haag te +vertrekken om eene verzoening te bewerken, deed hij door de Burgerwacht en +den Staf een proclamatie onderteekenen, waarin zij zich "op hunne eer +verbonden, geene verandering van dynastie te dulden en de stad, +bepaaldelijk de paleizen, te beschermen;" dit belangrijk document werd +onderteekend, onder anderen door Sylvain Van de Weyer, Rouppe, Jolly, graaf +Van der Meenen en Van der Linden d'Hoogvorst. Alsdan beval de prins aan de +troepen van 't Paleis, Brussel voor Vilvoorde te verlaten en aan die van +generaal Trip, hunnen aantocht op Leuven te staken. + +Op dit oogenblik was dit gedrag van Oranje, hoe eerlijk en ridderlijk ook, +eene grove fout. Hij had bemerkt hoe de overheden overrompeld waren; alleen +zijne aanwezigheid, zelfs nog zonder krachtdadig optreden, was eene +bemoediging voor de ware patriotten, die een overeenkomst met het huis van +Oranje wilden sluiten, en een waarborg voor de rust; zijne afwezigheid +integendeel versterkte de bent der wachten en der Fransche woelmakers in +hare stoutmoedigheid. + + * * * * * + +Wij hebben gezien hoe de beweging het gansche land aangestoken had. Om +dezelfde reden als te Brussel, namelijk de laatdunkendheid en het +plichtverzuim der ambtenaren, gelukte het aan een groepje heethoofden +gisting onder het volk te verwekken en langzamerhand de burgerij en den +adel in haren opstand mede te sleepen. Kolonel Gaillard werd met zijne +troepen uit Leuven verjaagd; te Verviers wapperde een oogenblik de Fransche +vlag; honderden vrijwilligers vertrokken naar Brussel, uit Bergen, Doornik +en Namen; alleen Gent en Antwerpen, waar de groothandel en de +grootnijverheid van een oproer veel te duchten hadden, bleven rustig. +Maastricht werd in bedwang gehouden door haren krachtdadigen bevelhebber +Dibbits. Niet zelden gingen de opstootjes met roof en brand gepaard. + +Te Luik staat de verbijsterde gouverneur Sandberg, door een onbehendig +akkoord met de oproermakers, zijne overheid letterlijk in handen van den +jongen advocaat Charles Rogier af, door hem toe te laten eene vrijwillig +gewapende macht te vormen om de rust in de stad te handhaven, terwijl +Generaal Van Boecop met de bezetting in de citadel zou blijven. Door zijn +populariteit weet Rogier het gepeupel in bedwang te houden en de plundering +te beletten. Maar weldra willen eenige der Luiksche vrijwilligers naar +Brussel trekken; Rogier wordt met de pistool op de borst gedwongen zich aan +hun hoofd te stellen, en gaat naar de hoofdstad met 300 Luikenaars en een +paar kanonnen. De aankomst der Luiksche troepen te Brussel bracht de +opstandelingen en niet het minst de Franschgezinde partij in geestdrift +(7en September). De verdediging der stad tegen den terugkeer der Hollanders +werd stelselmatig ingericht; barricaden werden opgeworpen of voleindigd +door de ingenieurs Roget en Teichman. Uit de provincieplaatsen kwamen +voortdurend aanbiedingen van vrijwilligers aan: Aalst bood 700, Ninove en +omstreken 1500 man; de Borinage, met 15,000 mijnwerkers, was heel en al +bereid: Dendermonde en Charleroi vroegen dat men aan hunne bezettingen de +kanonnen zou gaan ontnemen en beloofden den steun der bevolking; maar ook +de vreemdelingen te Brussel aanwezig, 4000 Franschen, benevens Spanjaarden, +Italianen, Engelschen, stelden zich ten dienste der revolutionnaire +leiders. Overigens stroomden voortdurend nieuwe Franschen toe, onder welke +talrijke agenten van de Clubs van Parijs. + +De Fransche regeering, die uit voorzichtigheid door eene vredelievende +houding het stamhuis van Orleans door de Mogendheden trachtte te doen +erkennen, was nochtans gepraamd door de ophitsende taal der +propagandapartij die Belgie wilde inlijven; voor 't oogenblik moest ze den +Belgischen opstand werkeloos aanschouwen, daar haar leger niet gereed was; +de Omwenteling, veel te vroeg losgebroken, voor den tijd door hare +Franco-Belgische inrichters voorzien, had de Juli-monarchie verrast. Die +overhaasting der belhamels had Louis-Philippe radeloos gemaakt. Nu moest +hij de gebeurtenissen hun gang laten gaan; deze voorzichtige bedaardheid +maakte Gendebien wrevelig: "Gij aarzelt, liet hij aan den Koning door +tusschenkomst van L. de Potter zeggen, maar Frankrijk zou hier 200,000 +Belgen vinden, bereid om de Rijngrens met geestdrift te verdedigen. Later, +als Frankrijk gedwongen zal zijn oorlog te voeren, zullen wij vrede +gesloten hebben met het Nederlandsche Gouvernement en Frankrijk zal 60,000 +Belgen te bestrijden hebben." + +De Fransche gezant Lamoussaye verzekerde slechts dat, indien Willem de +tusschenkomst van Pruisen inriep, Frankrijk dan met alle mogelijke krachten +zou tusschenkomen. + +Zeer waardig was de houding van L. de Potter en Tielemans te Parijs; +terwijl de Franschgezinde partij te Brussel de inlijving bij Frankrijk +verzocht, bleven zij beslist bij het denkbeeld van een bestuurlijk +afgescheiden of geheel onafhankelijk Belgie; bij een onderhoud met +Louis-Philippe verklaarde L. de Potter uitdrukkelijk dat de Belgen de +vereeniging met Frankrijk niet wilden, maar hij wenschte eenvoudig +Frankrijks ondersteuning om hunnen opstand te doen gelukken; dit kon de +vorst niet toestaan. De lagere bevolking van Parijs echter was de +Brusselsche oproerlingen zoo genegen, dat Tielemans reeds op 29en Augustus +schreef dat alleen een oproep tot de Parijsche bevolking onmiddellijk +10,000 vrijwilligers zou verschaffen. L. de Potter werd, op een banket hem +door de Parijsche burgerwacht aangeboden, door den hoofdman der Fransche +propagandisten, den beroemden La Fayette, omhelsd: die verbroedering en +andere tooneelen meer hadden het sein gegeven tot een nog talrijker vertrek +van Fransche vrijwilligers naar Brussel (31en Augustus). + +Gendebien was woedend over de tusschenkomst der afgevaardigden van de +Staten die, uit Parijs teruggekeerd, aan zijn plan eene andere richting +gegeven hadden. Hij en Van de Weyer hadden liever den prins als gijzelaar +te Brussel gehouden, om alzoo de bestuurlijke scheiding aan den Koning af +te persen; en nu was zijne hoop vervlogen. Dan veranderde hij van stelsel +en kwam met het ontwerp eener Voorloopige Regeering vooruit. Het werd door +de vergadering der notabelen met gretigheid onthaald, doch de +volksvertegenwoordigers lieten het spoedig varen, bij het nieuws dat Gent +en Antwerpen niet verroerden. + +Op dat oogenblik was de bestuurlijke scheiding van Noord en Zuid de eenige +passende oplossing. Levae, De Potter's briefwisselaar, Lesbroussart, zijn +vriend, L. de Potter zelf en tot Gendebien toe, kleefden dit denkbeeld +sterk aan. Trouwens, Gendebien had zich kunnen overtuigen dat de wil van +adel en geestelijkheid, die de Juli-omwenteling afkeurden, en van de +burgerij, die de voordeelen der aanwezigheid van een Hof niet verliezen +wilde, zich algemeen en krachtdadig tegen de Fransche inlijving verklaarde: +Lesbroussart schreef dat, indien de Koning wilde toegeven, "zijn stamhuis +nooit beter zou gevestigd geweest zijn." L. de Potter stelde zijn programma +op in de volgende bewoordingen: "De scheiding is nu een voltrokken feit, +dat gij, Belgen, aan uw toekomstig opperhoofd als eene voorafgaandelijke +voorwaarde van zijn koningschap moet opdringen. Daarna zult gij, gij +alleen, u eene Belgische grondwet geven die gij door den koning der +Nederlanden zult doen bezweren, wil hij koning der Belgen zijn. Zweert hij +niet, verklaart dan vrank en koen uwe volkomen onafhankelijkheid, en sticht +eene Bondsrepubliek." + + * * * * * + +Er bleef nu te zien, hoe de koppige en altijd weifelende Willem de +voorstellen waarmede de prins van Oranje belast was, zou ontvangen. Den 3en +September had hij met tegenzin het ontslag van Van Maanen onderteekend; +eene maand vroeger zou die beslissing alles weerom in rust gesteld hebben; +men eischte nu veel meer; toen dit nieuws den 6en te Brussel bepaald +vernomen werd, oefende het niet het minste uitwerksel uit. Wanneer den +kroonprins bij zijnen vader op het vrijwillig toestaan der bestuurlijke +scheiding krachtig aandrong, stuitte hij, niettegenstaande de toetreding +van de Belgische ministers De la Coste en Van Gobbelschroy, op eene +halsstarrige weigering; de Koning verschanste zich achter de verdragen van +1815 en de artikels 229 tot 234 der Grondwet, die de procedure bij geval +van noodzakelijke herziening nauwkeurig bepaalden. Hij weigerde zelfs den +prins met de ministers naar Brussel te laten terugkeeren, alhoewel deze, op +zijn hoofd, de herstelling der orde verzekerde, indien de Koning hem +volmacht gaf om naar goeddunken in 't algemeen belang te handelen. + +Door op dit oogenblik de scheiding te verwerpen, heeft de Vorst, die ook +van het andere middel, het geweld der wapenen niet wilde, om zoo te zeggen +moedwillig Belgie verloren. Door zijne voortdurende weifelingen, -- den +eenen dag concessien verleenende, en den anderen dag het kanon latende +bulderen -- , heeft de Koning de grootste schuld aan de verdeeling van het +Rijk der Nederlanden. In plaats van te handelen, aarzelt hij en vaardigt +tot de Belgen een Proclamatie uit, waarin hij het voorstel tot scheiding +aan de uitspraak der Staten-Generaal onderwierp en verder de goede burgers +aanmaande hunne zaak van die der oproermakers af te zonderen (5en +September); de gouverneur durfde eerst het stuk niet laten aanplakken, en +de raad der notabelen zond eene afvaardiging bij prins Frederik om het te +te doen intrekken; anders vreesde men een nieuwen oploop en het hijschen +der Fransche vlag. De prins stemde er in toe in dien zin naar Den Haag te +seinen. Maar de Antwerpsche bladen drukten alras den tekst der proclamatie, +zoodat verdere geheimhouding nutteloos werd; dadelijk verbrandden de +burgerwachten dit stuk op de Groote Markt te Brussel. + +In de hoofdstad had men 't volk in den waan gebracht dat de prins van +Oranje zijn terugkeer voor den 6en had beloofd, en daar hij niet verscheen, +zijn woord verbroken had. Daarop werd wapenvoorraad verzameld, en nieuwe +barricaden werden opgericht; Van der Smissen en Van der Meeren, geholpen +door den Spaanschen kolonel Juan van Halen en den oud-geneesheer Ernest +Gregoire, drilden de vrijwilligers en richtten de korpsen in. Na eene +kleine botsing tusschen de Luikenaars, die in Leuven lagen, en de +koninklijke voorposten werden Jozef d'Hoogvorst en Gendebien bij prins +Frederik gezonden, die beloofde zijn troepen weldra uit Kortenberg terug te +trekken en het kamp te Vilvoorde op te breken; den volgenden dag ontving +hij nog eene afvaardiging van Belgische volksvertegenwoordigers om hem te +bidden toch geen geweldigen aanval op Brussel te doen, waarin hij +toestemde; en den 8en vestigde de prins zijn hoofdkwartier te Antwerpen. + +Middelerwijl was er te Brussel, tusschen de notabelenvergadering met den +revolutionnairen staf der burgerwacht en de voorzichtige leden der +Staten-Generaal, een geschil ontstaan. Gendebien, Van de Weyer, J. +d'Hoogvorst en Felix de Merode wilden dat De Secus, De Gerlache en de +anderen een _Voorloopig Bewind_ zouden aanstellen. Maar de +volksvertegenwoordigers, die zich aan de wettelijkheid hielden, waren, +ondanks hunne verbintenis na 't vertrek van den Prins van Oranje aangegaan +om Brussel niet te verlaten, van denkbeeld veranderd en besloten toch, in +spijt van de hekelingen en beschuldigingen der heethoofden, zich +voorzichtigheidshalve naar de zitting der Staten-Generaal te begeven en +geen Voorloopig Bewind in te richten (8en September). + +Over deze onbestendigheid en de afwezigheid der volksvertegenwoordigers +eerst gebelgd, verheugde zich alras de revolutionnaire groep over hun +vertrek naar Den Haag, daar het bleek dat hunne aanwezigheid te Brussel den +vooruitgang der Omwenteling stremde. + +Daar de oprichting van een Voorloopig Bewind mislukt was, stelde Gendebien +toen voor eene _Commissie van Openbare Veiligheid_ aan te stellen, te +kiezen uit een dubbele lijst van candidaten door de hoofden der 8 +afdeelingen van de Brusselsche burgerwacht en een klein getal notabelen +opgemaakt; om aan de instelling een schijn van wettelijkheid bij te zetten, +deed men ze door het bange gemeentebestuur bekrachtigen; ondanks de +pogingen der revolutionnairen kreeg de Commissie slechts eene beperkte +opdracht, namelijk de vestiging van het stamhuis verzekeren, het +grondbeginsel der scheiding van Noord en Zuid handhaven en de openbare orde +herstellen. De samenstelling der Commissie, die feitelijk maar vijf leden +telde, betoonde klaar hare inzichten: Gendebien, Van de Weyer, Rouppe, +Felix de Merode en Meeus aan 't hoofd der zaken stellen was de vijanden der +Regeering rechtstreeks laten optreden; dit was zooveel als na den opstand +_de Omwenteling bepaald uitroepen_(10en en 11en September). + +Na alzoo de machten van gouverneur en stadsregeering overweldigd te hebben, +ruimden de leden der Commissie insgelijks de rechterlijke macht uit den +weg, en schorsten den Procureur-Generaal; deze verliet dadelijk Brussel, +weldra gevolgd door den gouverneur Van der Fosse, den burgemeester De +Wellens en talrijke hooggeplaatste ambtenaren (14en September). + +Doch driemaal faalden de pogingen der liberale leiders om een Voorloopig +Bewind op te richten, dank zij den tegenstand van de gematigden, met de +barons d'Hoogvorst aan 't hoofd, die eene opene deur voor de verzoening +wilden behouden. + + * * * * * + +Intusschen waren de Belgische leden der Staten-Generaal in Den Haag +aangekomen; zij vonden daar de bevolking uiterst verbitterd en woedend over +het gevaar dat de kroonprins in Brussel geloopen had. De _Arnhemsche +Courant_, in navolging van de _Noordstar_, had in zijn nummer van 7en +September bedreigingen geuit: "Te wapen! Weg met de muiters! Muitersbloed +is geen broedersbloed!" Ook moest Baron de Gerlache tegen de woelige +menigte door de politie beschermd worden: het werd een strijd van volk +tegen volk! + +Wanneer de Vorst de volksvertegenwoordigers in Den Haag zag aankomen, moet +hij nog versterkt geworden zijn in zijne meening dat de gebeurtenissen te +Brussel zoo erg niet waren als men ze voorstelde en dat de volksbeweging +niet zoo ernstig was aangezien de afgevaardigden der natie hunne plaats in +'t Parlement kwamen nemen. Zoo werd Willem begoocheld. + +Op 13en September opende de Koning de laatste en buitengewone sessie der +Staten-Generaal; in zijne troonrede sprak hij, zeer bewogen, zijnen wensch +uit om de oplossing der Unie van Noord en Zuid slechts langs +grondwettelijke wegen te zien geschieden; Willem, die zijne populariteit +bij zijn volk zocht te vrijwaren, maakte zich den tolk der Hollanders; hij +verkondigde dat het noodig was de troepen op te roepen, en verklaarde dat +hij nooit "voor partij geest zou wijken, nooit zou toestemmen in +maatregelen die de welvaart en de belangen van 't vaderland aan de +hartstochten en het geweld zouden opofferen." Daarop werd aan de Staten +voorgesteld dadelijk de twee volgende vraagstukken te overwegen en +bespreken: Is het noodzakelijk de nationale instellingen te wijzigen? +Behoort het in dit geval, de inrichting, zooals zij tusschen de twee groote +deelen van het Rijk door de verdragen en de Grondwet voorgesteld is, te +veranderen? + +Hoe belangrijk de discussie ook was, hoe gunstig de oplossing voor het +algemeen belang mocht wezen, toch was dit de zaak, die eene snelle +afhandeling eischte, op de lange baan schuiven. Gedurende de +beraadslagingen over het Adres, in antwoord op 's Konings rede, namen de +Hollanders eene bepaald vijandige houding aan; er werden zeer harde +woorden gesproken. Donker-Curtius, een lid der Commissie, verklaarde dat +hij geen anderen uitweg zag dan het geweld der wapenen; De Gerlache durfde +uitroepen, in naam der afgevaardigden van het Zuiden, dat, indien men hunne +wenschen niet aanhoorde, zij niet als lijdzame toeschouwers den ondergang +van hun vaderland zouden aangezien hebben. + +De troonrede verwekte te Brussel zooveel opspraak, dat de Commissie der +Openbare Veiligheid, ondanks de pogingen der Luiksche vrijwilligers die +kortaf met de regeering wilden afbreken, een Adres aan de afgevaardigden in +Den Haag moest zenden, waarin men hevig protest aanteekende tegen de +militaire inzichten van de regeering; de twee dragers werden daarbij nog +belast, de Zuidnederlandsche afgevaardigden uit te noodigen Holland te +verlaten, maar kwamen weldra met het verbazende nieuws terug dat de leden +der Staten den raad gegeven hadden met den prins van Oranje te +onderhandelen. Het volk kreet verraad, de Luiksche vrijwilligers bereidden +een aanval op het stadhuis. Weldra beschuldigde men de Commissie van te +groote gematigdheid en tevens van kleinmoedigheid. + +Om ze te prikkelen, hadden andere vurige leiders als Ch. Rogier, Renard, +Ducpetiaux en de Franschen Niellon, Gregoire en Chazal inmiddels, met de +toestemming van Gendebien, het _Middelverbond_ gesticht, meestal uit +Luikenaars, Luksemburgers en andere Walen samengesteld. Rogier, onder +voorwendsel dat hij vreemd aan de stad was, deed het voorzitterschap aan +Duepetiaux toevertrouwen, maar bleef in werkelijkheid de ziel van die +vereeniging, waarvan talrijke leden de Fransche vlag wilden opsteken (16en +September). + +In de St Joriszaal vereenigd, durfde het Middelverbond welhaast zijn +eischen aan de Veiligheidscommissie opdringen; deze, wier gezag, +voortdurend door de uiterste partij ondermijnd, aan 't wankelen was, deed +nochtans beslissen dat men de koninklijke troepen niet zou aanvallen, en +toen den 18en een bende Luikenaars toch de voorposten der Hollanders te +Vilvoorde en Tervuren was gaan aanvallen, keurde zij deze gewelddaad door +eene proclamatie stellig af (19en September). + +Gendebien, het bewind aan Felix de Merode en S. Van de Weyer overlatende, +was naar Rijsel vertrokken om zich in betrekking te stellen met de +Parijsche ballingen, die de Belgische Vereeniging in Frankrijks hoofdstad +gesticht hadden. + + * * * * * + +"Nu begint de regeeringloosheid, schreef Levae aan De Potter; de handel is +vernietigd door den onzekeren toestand waarin men verkeert, daar men geen +besluit durft nemen: hierdoor zijn vele arbeiders zonder werk; daaruit +ontstaan samenscholingen en woelige tooneelen die weldra zouden kunnen +noodlottig worden, want de ellende zal tot buitensporigheden leiden, indien +men er niet krachtig in verhelpt; het staat vast dat eene _geheime macht_ +de werklieden ophitst om onverdedigbare of belachelijke aanspraken te +maken. Ik vrees dat de menigte zich een dezer dagen zal ergeren over de +onzekerheid waarin men ons laat, en dat men ze tot eene tegenomwenteling +zal opjagen waarvan de goede burgers de slachtoffers zouden wezen. De +groote feil van onzen tegenwoordigen toestand is dat wij geen opperhoofd +hebben." + +Die _geheime agenten_, welke Levae bedoelt, waren de Fransche Clubmannen, +die sedert 't begin van het oproer de Brusselsche werkloozen met +drinkpartijen op de Hoogstraat en elders vergastten, en nu het gepeupel, +dat voor 't Stadhuis aanhoudend samenschoolde, wapenden en ophitsten. + +Levae's sombere voorspelling werd dadelijk bewaarheid. De vreedzame +proclamatie der _Veiligheidscommissie_ werd afgerukt; het gepeupel liep +samen op de Groote Markt onder den kreet "Wapens! Wapens!", en ondanks +Rogier, ontwapenden zij de burgerwacht gedurende den nacht; 's anderendaags +bestormden 1500 gewapende muiters het Stadhuis en stelden een einde aan de +overheid der Commissie. De verschrikte burgerij, bang voor plundering, zond +dadelijk twee vertoogschriften naar prins Frederik te Antwerpen om zijne +terugkomst te vragen. Brussel was aan de regeeringloosheid overgegeven +(20en September). + +Zonder dien triomf der aanvoerders van de jacobijnsche Club van het +Middelverbond, ware de omwenteling spoedig gedempt geweest: evenals het +overgroote deel der Brusselsche burgerij, bleven de vertegenwoordigers der +Zuidelijke Provincien in de Staten inderdaad de wettelijkheid getrouw. 't +Was juist den volgenden dag dat het Adres op de koninklijke troonrede, +gansch in den Belgischen zin opgesteld, door de leden der Tweede Kamer werd +aangenomen met 86 stemmen tegen 19 (Hollanders). Bevreesd bij 't vernemen +der gebeurtenissen te Brussel, hadden de Belgische afgevaardigden, zelfs +degenen die altijd tot de hevigste oppositie hadden behoord, herhaalde +malen (17en tot 20en September) bij den Koning aangedrongen, opdat hij +zonder dralen zijn toevlucht tot het geweld zou genomen hebben; zij vroegen +dit, niet alleen omdat het noodzakelijk was tot bescherming hunner +eigendommen, maar omdat zij niet meer vrij waren met de noodige +onafhankelijkheid te stemmen. + +Alzoo vond de Koning zich na lange aarzeling gedwongen om aan zijn lijdzame +houding een einde te maken; de tocht tegen het regeeringlooze Brussel werd +besloten, doch Willem beging de ongelooflijke fout zijn eigen zoon, prins +Frederik, met het opperbevel te belasten. In den nacht van 20en tot 21en +September ontving hij het bevel Brussel binnen te trekken, en na zich +overtuigd te hebben van de gunstige stemming der burgerij, vaardigde hij +eene proclamatie uit waarin hij volledige kwijtschelding beloofde: "alleen +de voornaamste daders van al te misdadige handelingen om te kunnen verhopen +dat zij aan de gestrengheid der wetten zullen ontsnappen, en de +vreemdelingen, die misbruik makende van de hun verleende gastvrijheid, +wanorde onder u zijn komen stichten, zullen rechtmatig gestraft worden; +hunne zaak heeft niets met u gemeen." + +Inmiddels had E. d'Hoogvorst door eenen slimmen trek, ondanks de ontbinding +der burgerwacht, zijne plaats als "burgerlijk hoofd dier wacht" weten te +behouden, en deed als bevelhebber der _vrijwilligers_ Van der Meeren en +Pletinckx benoemen; maar de poging van het Middelverbond om een Voorloopig +Bewind in 't leven te roepen, faalde volkomen. + +Had de prins in den avond van den 21en tot den 22en de stad willen innemen, +niemand had hem tegenstand geboden; doch hij had officieel zijne intrede in +de hoofdstad voor den 23en aangekondigd! Hij liet dus aan de opstandelingen +den tijd om zich te wapenen, enkele kanonnen voor de stadspoorten te +sleepen, de straten open te breken, nieuwe barricaden op te werpen en +hulpbenden uit Leuven, Waalsch-Brabant, het Centrum en de Borinage te +ontvangen. De Luikenaars en de vreemdelingen betoonden eenen koortsachtigen +ijver. Meer en meer helde de burgerij nochtans tot de overgave over. Alleen +Pletinckx, Ducpetiaux en Ad. Roussel drukten zich krachtdadig voor den +weerstand uit; doch deze twee laatsten, als parlementairen bij prins +Frederik gezonden, werden aangehouden en op Antwerpen gezonden. + +De andere revolutionnaire kopstukken hadden zich, bij 't naken van 't +gevaar, reeds vroeger vreesachtig uit de voeten gemaakt: den 21en vluchtten +S. Van de Weyer en Rouppe naar Valencijn, waar zij, in het _Hotel du Grand +Canard_ aan Gendebien en Chazal, aldaar vergaderd met De Potter, kwamen +aankondigen dat alles verloren was; weldra kwamen ook Van der Burght, +Moyard, Fleury, Van der Smissen, Van der Meeren, Levae en Niellon ze +vervoegen; Felix de Merode begaf zich in Frankrijk naar zijn kasteel van +Trelon; Vleminckx en P. Rodenbach verschuilden zich te Rijsel. Rogier bleef +de laatste: slechts op het oogenblik dat de Hollandsche troepen Brussel +binnenrukten, koos hij het hazenpad langs de Hallepoort, liet de Luiksche +vrijwilligers, wier bevelhebber hij was, in den steek en ging zich +verschuilen in het Zonienbosch! Verscheidene der belhamels hadden zich uit +vrees van herkend te worden, den baard laten afscheren. Talrijke groote +burgersfamilien vluchtten uit Brussel naar Gent en Antwerpen. + +Alsdan beslisten de Franschen en andere vreemdelingen, die een zoo +belangrijk deel aan het oproer hadden genomen en door 's prinsen +proclamatie bedreigd waren, zelf de verdediging der stad, met de opgekomen +boeren, de vrijwilligers van Luik en het Brusselsche werkvolk en gepeupel, +op zich te nemen: don Juan van Halen, Ernest Gregoire, oud-generaal +Mellinet, P. Parent, Burggraaf de Culhat en vooral Engelspach, gezegd +Lariviere, schikten de manschappen aan de poorten en op de barricaden; +Baron d'Hoogvorst, het eenige lid der Veiligheidscommissie dat op post +gebleven was, zetelde alleen op 't Stadhuis. Zooals eene vrouw uit het volk +het schilderachtig zei: "nu zag men die heeren van het Stadhuis met hun +zwarte kazakken niet meer. Waar zijn nu die verdoemde kapoenen, nu er moet +gevochten worden? Het zijn nu de kielen die de stad moeten verdedigen." + +Wetende dat de hoofden van den opstand Brussel verlaten hadden en dat de +grootste regeeringloosheid binnen de stad heerschte, dachten prins Frederik +en zijne generaals, die over 10,000 man en 26 kanonnen beschikten, zeer +weinig aan strijd; zij meenden "dat zij maar de fourriers hadden vooruit te +zenden om op het stadhuis de biljetten van inkwartiering te ontvangen", +daar de gezeten Brusselsche burgerij, bang voor nieuwe plundering, niets +liever verlangde dan dat het Nederlandsche leger de stad weer tot rust +bracht. Maar juist bij de mindere standen, die aan zichzelven overgelaten +nu te Brussel den boventoon voerden, lag die waaghalzerij en die +geestkracht die aandrang tot weerstand geeft. Ook gaven de werk- en +ambachtslieden, doch zij alleen, blijken van bewonderenswaardigen moed +gedurende de Septemberdagen. In kleine groepjes verdeeld, zonder beleid, +zonder onderrichting, zonder aanvoerders, hebben die bakkersgasten, die +beenhouwersknechten, die timmerlieden, die daglooners, met geluk den aanval +van welonderrichte troepen afgeslagen. + + * * * * * + +Den 23en September, om zeven uur 's morgens trokken de koninklijke troepen +op Brussel af in vier kolommen verdeeld; deze zouden de stad binnenrukken +op vier verschillende punten, langs de Vlaamsche-, de Antwerpsche-, de +Leuvensche- en de Schaarbeeksche poort. Generaal Schuurman bemeesterde +aldra deze laatste, trok naar de Warande en bezette de paleizen; de +Leuvensche poort werd ook spoedig ingenomen. De derde kolom slaagde er wel +in, de Antwerpsche poort te bemachtigen, maar gezien den tegenstand der +mannen met de blauwe kielen, oordeelde de bevelhebber het raadzamer bij de +Lakenbrug post te vatten, om in voeling te blijven met de rest van 't +leger. Aan den Vlaamschen Steenweg echter liet zich de vierde afdeeling in +eene hinderlaag lokken, en werd teruggeslagen. Vruchteloos waren de +pogingen der koninklijke troepen tegen de barricade van het Koninksplein, +verdedigd door ongeveer twaalfhonderd boeren en werklieden, en aangevoerd +door Mellinet, Parent en De Culhat. Daar ook stond Charlier van Luik, +bijgenaamd "het Houten Been", die met zijn kanon wanorde en dood in de +Hollandsche rangen zaaide; het moorddadige vuur der scherpschutters, die in +de omliggende hotels post gevat hadden, verplichtte ze weldra naar de +Warande te wijken. Alzoo bleef de sleutel van de stad in de handen der +oproerlingen. + +Hier werd door de Hollanders eene grove fout begaan; in plaats van +doortastend te handelen, verspilde de prins den zoo kostbaren tijd in een +straatgevecht, altijd den aanvaller zoo nadeelig. Zeer gemakkelijk had de +hij Brussel kunnen insluiten, indien men de afdeeling van generaal +Cort-Heyligers niet onverrichterzake tusschen Leuven en Tienen had laten +kruisen. Doch 's namiddags reeds had men den prins verteld dat men, om +Brussel te bezetten, de stad straat per straat, huis per huis zou moeten +innemen, door verwoesting of beschieting, en stelde hem voor dat er slechts +twee wegen overbleven: de stad beschieten of zonder dralen af te trekken. +Frederik echter verafschuwde het bloedvergieten en de verwoesting der stad; +gehoor gevend aan zijne toegevendheid, vergetend dat het uur van +krachtdadig optreden geslagen was, liet de prins bevel geven het vuur te +staken en zond zelfs in den avond een parlementair tot de opstandelingen. +Dat was de nederlaag bekennen! + +Bij het vallen van den avond boden de barricaden een buitengewoon +schouwspel aan. Daar de Hollanders in de Warande en op de boulevards +teruggetrokken waren en de taptoe geslagen hadden, verlieten de Belgische +vrijwilligers en hunne Fransche aanvoerders de barricaden, lieten ze +gansch alleen staan en gingen in de omliggende herbergen over hunne +heldendaden pochen! Hoe de prins de barricaden 's nachts niet overrompeld +heeft, valt nooit te begrijpen! + +In den nacht begaf baron d'Hoogvorst zich naar het hoofdkwartier van den +prins om dezen tot de ontruiming der stad over te halen. Frederik +antwoordde: "dat hij Brussel bezet had in de hoop orde en rust in de stad +te herstellen; dat hij deze niet kon ontruimen dan op bevel van den Koning; +doch, daar het hem vooral ter harte lag de verwoesting van Brussel zooveel +mogelijk te voorkomen en een strijd te eindigen, die niets anders dan de +noodlottigste gevolgen na zich kon sleepen, zelfs voor het rustige deel der +bevolking, zou hij het slagveld niet verder uitbreiden, en zich tot eene +verdedigende houding bepalen." _En inderdaad, gedurende de drie volgende +dagen hebben zijne troepen hunne stellingen niet meer verlaten._ Zoo weinig +begreep Frederik de toestanden, dat hij nog hoopte "op de beteugeling der +anarchie door de burgerwacht!" Die naieveteiten, dit gemis aan energie +leggen uit, waarom de prins, wat anders onbegrijpelijk voorkomt, de +benedenstad niet ingenomen heeft. + +De terugkomst 's nachts van Rogier, die inmiddels het geluk der +vrijwilligers vernomen had, moest alle hoop op onderhandelingen of overgave +doen verzwinden. Overigens, bij 't nieuws der bestorming van Brussel kwamen +talrijke vrijwilligers uit Halle, Genappe, Waver, Nijvel, Binche +aangesneld; tonnen buskruit werden uit de omstreken gestuurd; de stormklok +luidde overal. Ook de vluchtelingen van Valencijn, die nieuws gekregen +hadden van de heldhaftige verdediging van Brussel, keerden in allerijl +terug; zij bevonden zich reeds op den middag bij Edingen (Enghien), overal +een krachtdadigen _Oproep tot het Volk_ verspreidende, die den stoet der +vrijwilligers, welke hen volgden, van dorp tot dorp aanzienlijk deed +aangroeien (24en September). + +Om 9 uur 's morgens was de strijd in de hoofdstad opnieuw begonnen. Tot dan +toe hadden die kleine pelotons werklieden en boeren, wier moed sedert den +eersten dag den triomf van den opstand verzekerd had, gestreden zonder +bepaald doel en eenvoudig om de overheid te bevechten. + +[Figuur: Gevecht in de Warande te Brussel (24 September 1830)] + +Met den terugkeer der gevluchte leiders wordt de strijd ingericht. Rogier, +om den opstand te besturen, vestigde op 't Stadhuis eene _Bestuurlijke +Commissie_ met D'Hoogvorst en den oud-genieoffieier Jolly; hij benoemde +don Juan van Halen als opperbevelhebber der patriotten en stelde +Engelspach-Lariviere tot bijzonderen agent der uitvoerende macht aan. +Mellinet, Niellon, Chazal, Gregoire en andere Franschen kregen een commando +of werden aan het hoofdkwartier verbonden. Het plan der vrijwilligers was +voortaan zeer eenvoudig: Prins Frederik in de Warande insluiten en hem +beletten in de stad te dringen; daarom slopen zij in de voornaamste hotels +der Wetstraat en der Koningstraat en beschoten van daaruit, onzichtbaar en +verschanst, de dappere maar blootgestelde Hollandsche troepen. Alsdan liet +de prins houwitserbommen op de stad werpen. + +Tot hiertoe had de verschrikte burgerij lijdzaam de beweging gadegeslagen; +de beschieting der stad wekte haar uit die onverschilligheid op. Om haar +bepaald tot de Omwenteling over te halen, liet de Bestuurlijke Commissie, +te middernacht, eene proclamatie in de straten aflezen, waardoor zij, op +leugenachtige wijze, de burgers tegen eene tweedaagsche plundering der stad +door de Hollandsche soldaten waarschuwde! Het uitwerksel was verbazend: de +bedrogen burgerij sloot zich bij de barricademannen aan. + +De vluchtelingen van Valencijn waren intusschen met 300 vrijwilligers in +Brussel aangekomen; dit versterkte den moed der patriotten in de hoogste +mate. Op bevel van Rogier durfde zelfs Van Halen eenen vermetelen aanval op +de Warande wagen, die natuurlijk mislukte; zijn stafoverste Pletinckx +aarzelde niet om aan de Hollandsche voorposten een antwoord der +Bestuurlijke Commissie te overhandigen, waardoor alle onderhandelingen +verworpen waren, maar hij werd aangehouden en op Antwerpen gericht. Doch +Van Halen's koene daad en de nieuwe proclamatie der Commissie, die aan de +gesneuvelden een nationaal grafmonument op het St Michiels-, nu +Martelaarsplein, beloofde, versterkte nog den moed der patriotten. Na een +strijd van drie dagen, hadden de Hollandsche troepen, verre van eenigen +vooruitgang te maken, zelfs terrein verloren; en terwijl zij zich aan +ontmoediging overgaven, klom de onversaagdheid der vermetele patriotten in +dezelfde mate. En weer bleven 's nachts de barricaden verlaten; prins +Frederik en zijne generaals, aarzelend en radeloos, handelden echter minder +dan ooit; 's anderendaags zou het overigens reeds te laat wezen. + +Want, op Zondag 26en September vernam de Brusselsche bevolking dat de +Bestendige Commissie door een _Voorloopig Bewind_ vervangen was, +samengesteld uit D'Hoogvorst, Rogier en Jolly, die zich nu het +driemanschap, graaf Felix de Merode, Gendebien en Sylvain Tan de Wever +toevoegden; hunne eerste daad was een oproep tot de Belgische soldaten _die +zij van hunnen eed ontsloegen_. Reeds was de trouw der Belgen, die onder de +wapens waren, aan 't wankelen gebracht door den indruk der behaalde +voordeelen hunner strijdende landgenooten; talrijke soldaten werden +afvallig en namen de vlucht; het leger was door de afscheiding tusschen +Hollanders en Belgen met ontbinding bedreigd! + +Prins Frederik en zijne generaals waren ontmoedigd door den hardnekkigen +weerstand en door het nieuws van den voortdurenden aantocht van nieuwe +vrijwilligers uit Henegouwen, waar al de garnizoenen een voor een, +uiteengingen of zich gedeeltelijk bij het oproer aansloten. Daarbij werd +den 26en het Hollandsche leger ingesloten door den brand die het Paleis der +Staten-Generaal en het Koninklijk Paleis bedreigde. In dien toestand +oordeelde prins Frederik dat de hem opgedragen taak van rustherstelling en +bescherming der vredelievenden onmogelijk te volvoeren was en besloot tot +den aftocht; omstreeks middernacht werd het bevel in dien zin gegeven en om +drie uur hadden de troepen de Warande ontruimd; tot groote verbazing der +vrijwilligers vonden deze 's anderendaags in den morgen het slagveld +verlaten ... + +Die overwinning verzoende alle partijen om triomf te vieren; door het +gemeenschappelijk vergoten bloed werd de opstand eene nationale zaak. De +gematigden en de vreedzame burgerij, die tien dagen te voren om de troepen +geschreven hadden, sloten zich nu bij het zegepralende werkvolk en het +gepeupel aan en schaarden zich aan de zijde der revolutiemannen; voortaan +zal er maar eene partij meer bestaan, met een doelwit: het leger naar +Holland terug te drijven. + +De vier Septemberdagen hadden aan de Hollanders 150 dooden en 2000 +gekwetsten gekost; de Belgen telden 450 dooden en 1300 gekwetsten; al de +eer der overwinning werd den Franschman Mellinet toegeschreven. + + * * * * * + +Het onverwachte nieuws der bevrijding der hoofdstad verspreidde zich +bliksemsnel; van den uitslag van den strijd te Brussel hing immers het +behoud van het Hollandsch bestuur in bijna alle steden en gemeenten af; +alom namen de inwoners de wapens op, verjoegen de troepen uit Brugge, +Bergen, Doornik, Namen, Philippeville en Mariembourg, twee dagen later uit +Meenen en Ieperen, en kwamen de rangen der Brusselsche overwinnaars +vergrooten. Aldus had de nederlaag van prins Frederik de afvalligheid van +bijna gansch Belgie tot gevolg; ook ging het Hollandsche leger door de +desertie der Belgen in weinige dagen tot een staat van geheele ontbinding +over. + +Nauwelijks had de geestelijkheid van het omliggende platteland het oproer +te Brussel vernomen, of haar strijdlust hernam met dezelfde kracht als ten +tijde der Brabantsche omwenteling. De opstand tegen "den protestantschen +dwingeland" werd met gloed gepredikt en de boeren-vrijwilligers, met den +bekenden naam van "patriotten" bestempeld, werden voor hun vertrek door den +dorpsherder gezegend. In Vlaanderen hadden de geestelijken afgewacht welken +keer de zaken te Brussel zouden nemen; en als het bleek dat de Waalsche +revolutionnairen sterker waren dan de regeering, hebben zij de beweging +gevolgd. Nu bleek het genoeg door die spoedige wapening hoe de stijve en +verwaande houding der Hollandsche ambtenaren het lagere volk en de +buitenlieden afkeerig van het Noorden gemaakt had. Ook stroomden uit Ronse +en Kortrijk, uit Ninove en Aalst enz. reeds op 26en September groote benden +opstandelingen naar Brussel toe: meest allen behoorden tot die +gemeentewachten die de regeering zoo onvoorzichtig had ingericht. + +Op Maandag 27en September, was de volksvereerde Louis de Potter +triomfantelijk te Brussel binnengetreden en door het volk met uitbundig +gejubel onthaald. Reeds 's anderendaags werd hij in het Voorloopig Bewind +opgenomen, en vormde met Rogier, Van de Wever en E. de Merode het +_Hoofdcomiteit_, dat met de uitvoerende macht bekleed was. + +Met weergaloozen ijver en wonderbaar vernuft, bemoeide het Comiteit zich +met het herinrichten van leger en bestuur; zonder geld noch middelen +regelden zij het nieuwe beheer. + +'t Was in 't vuur van den strijd te Brussel, dat de Staten-Generaal in den +Haag eindelijk het principe van de bestuurlijke scheiding tusschen Noord en +Zuid aangenomen hadden, in de Tweede Kamer met 55 stemmen tegen 45, in de +Eerste met 31 tegen 7 (29en September). Twee dagen later benoemde koning +Willem eene commissie belast met het onderzoek van de maatregelen door deze +verandering geeischt, de inrichting en de bepaling der betrekkingen +tusschen de twee groote deelen van het Rijk; maar de Belgen namen aan dit +werk zelfs geen deel meer. + +Alhoewel de Vorst, na ontvangst van een Adres geteekend door vele +aanzienlijke Belgen, den prins van Oranje den 4en October aan het hoofd der +Zuidelijke gewesten geplaatst had, en, in afwachting dat de scheiding van +Noord en Zuid, overeenkomstig de grondwettelijke vormen, bekrachtigd werd, +hem toeliet te regeeren met een bestuur uitsluitend uit Belgen +samengesteld; alhoewel de prins dit door zijne proclamatie te Antwerpen 's +anderendaags kond maakte en daarbij de vrijheid van onderwijs en van taal +beloofde, voldeed deze bestuurlijke scheiding bijna niemand meer. Het bloed +der gesneuvelde strijders had den haat tegen den Hollander zoozeer +opgejaagd, dat het denkbeeld der volstrekte Belgische zelfstandigheid meer +en meer veld won; wel hadden Gent, Antwerpen, St Nikolaas en Dendermonde +zelfs tegen de bestuurlijke scheiding verzet aangeteekend; het was te laat: +noch protesten, noch proclamatien konden meer baten. + +Den 4en October, twee dagen na de sluiting der laatste zitting der +Staten-Generaal, vaardigde het Hoofdcomiteit het volgende decreet uit: I. +De Belgische provincien, met geweld van Holland losgerukt, zullen eenen +onafhankelijken Staat vormen. II. Het Hoofdcomiteit zal zich ten spoedigste +met het ontwerp eener Grondwet bezighouden. III. Een Nationaal Congres, +waarop al de belangen der provincien zullen vertegenwoordigd zijn, zal +bijeengeroepen worden, en over de Grondwet beraadslagen. + +[Figuur: Voorlopig bewind (Schilderij van PICQUE) Joly Sylvain van de +Weyer Jos. van der Linden E. V. d'Hoogvorst Al. Gendebien Ch. Rogier L. de +Potter Baron de Coppin Felix de Merode] + +Belgie's zelfstandigheid was onherroepelijk gevestigd. + + * * * * * + +De prins van Oranje, alhoewel niet met bepaalde volmacht gewapend, had +nochtans alle hoop niet opgegeven. Hij had rondom zich te Antwerpen drie +ministers, La Coste, Van Gobbelschroy en den hertog van Ursel, en tien +getrouw gebleven Belgische afgevaardigden, onder welke Lehon, De Brouckere, +De Gerlache en Surlet de Chokier. Hij poogde door allerlei beloften, als +instelling der ministerieele verantwoordelijkheid en der jury, zijne +verloren populariteit te herwinnen. Tegelijkertijd knoopte hij +onderhandelingen met de leden van het Voorloopig Bewind aan. Hierin was +Lord Ponsonby, de Engelsche gezant te Brussel, hem reeds voorgekomen. Deze +kende de kuiperijen van Gendebien met de regeering van Louis-Philippe en de +tusschenkomst van den Franschen gezant Generaal Vallaze gedurende de +Septemberdagen, en spande al zijn pogingen in om de vereeniging van Belgie +met Frankrijk te verijdelen. Kon men de scheuring van het rijk der +Nederlanden niet beletten, zoo bleef dan nog, als dam tegen Frankrijk, een +onafhankelijk Belgie, onder den Engelschgezinden prins van Oranje, het +verkieslijkst; de scheiding van Noord en Zuid intusschen was voor Engeland, +dat onder de mededinging van den Hollandschen zeehandel en van de Belgische +nijverheid erg leed, van groot oeconomisch belang. + +Aan den anderen kant zond de prins van Oranje den Russischen prins +Kolovsky, die, uit zijn gezantschap te Wurtemberg ontslagen, nu Gent +bewoonde, bij de generaals D'Hoogvorst en Van Halen, alsook bij De Merode, +Van de Weyer en L. de Potter; zeer lang bepleitte hij de zaak van den held +van Quatre-Bras, maar stuitte op de weigering der leden van het Voorloopig +Bewind. Nochtans verklaarden tien Belgische volksvertegenwoordigers dat ze +hem als onderkoning van den grondwettelijken Belgischen Staat wilden doen +uitroepen; de prins bad daarop zijn vader om ondersteuning van Rusland en +Engeland en bood Louis-Philippe, in ruiling van een openbare afkeuring van +de kuiperijen der Fransche partij te Brussel, zijne voorspraak bij den +Frankrijk bedreigenden Czaar, zijnen schoonvader, aan; uit al zijne macht +wenschte hij het schoonste deel van het koninkrijk voor zich te herwinnen, +met het inzicht het later met Holland te hereenigen. + +De prins wist niet dat zijn vader hem intusschen in alles tegenwerkte. +Willem had inderdaad, den 2en October, zijn minister Verstolk van Soelen +gelast een rondschrijven aan Pruisen, Oostenrijk en Rusland te richten om +hulp te vragen, en zijn gezant Falck te Londen bad om de dadelijke zending +van Engelsche troepen; alleen Pruisen bracht op onze oostelijke grenzen een +leger samen, maar moest daarmee ophouden voor de dreigementen van den +Franschen zaakgelastigde (11en October). In Holland zelf had Willem zijn +volk te wapen geroepen, denzelfden dag dat Oranje te Antwerpen zijne +verzoenende proclamatie had uitgeplakt! Verder riep hij Van Maanen opnieuw +in 't ministerie van justitie en verleende het opperbevel der troepen aan +prins Frederik, bijgestaan door Chasse, commandant van Antwerpen; alzoo +vuurde Willem de oude oneenigheid tusschen zijne beide zonen opnieuw en +geweldig aan. Aan den prins van Oranje liet de Vorst, die tot dan toe de +omwenteling niet wilde erkennen, maar nu plots een oogenblik akte van +afstand wilde doen, de toelating geworden om de souvereiniteit van Belgie +te aanvaarden, maar mits zulke voorwaarden, dat zij van eene verregaande +verblindheid omtrent den staat van zaken getuigt (13en October). Van wege +den prins zelf waren het hersenschimmen wanneer hij hoopte zijne +voorstellen te zien aanvaarden; want noch de geestelijkheid die in hem den +protestant zag, noch de adel die zich grootendeels door de priesters liet +leiden, noch de kleine burgerij en de werklieden die zich reeds te ver +gewaagd hadden en die onrechtstreeksche wederaanhechting bij Holland +verwierpen, wilden van hem weten; en hoe overtoegevend hij zich in zijne +besluiten ook toonde, toch waren de verordeningen van het Voorloopig Bewind +nog veel breeder opgevat, en alzoo werd hem de loef afgestoken. + +Want, nadat het Voorloopig Bewind enkele uitstekende mannen, als De +Gerlache, Van Meenen, Nothomb, Lebeau, Devaux, De Brouckere, belast had +met het opstellen van een ontwerp van Grondwet en een Kieswet voor de +benoeming van 200 Congresleden, vaardigde dit krachtdadig en onvermoeibaar +Comiteit, onder den invloed van den philosoof en republikein L. de Potter, +zeer vrijzinnige besluiten uit, zooals de vrijheden van vereeniging, van +godsdienst, van drukpers, de openbaarheid der gerechtsdebatten, zelfs de +volledige vrijheid voor de schouwburgen, maar ook de vrijheid van +onderwijs. Alras verwezenlijkte het Bewind het programma der Unie of liever +overschreed het. + +De prins van Oranje, wiens toestand hachelijk werd door het vertrek der +Belgische afgevaardigden (6en-10en October) en door de opstootjes in +Antwerpen zelf, werd door burgemeester en raad genoopt om deze door een +beslissende daad te stillen, en waagde zijne laatste troeven. Den 16en +October, vaardigde hij eene nieuwe proclamatie, zonder voorkennis van den +Koning, uit, in deze bewoordingen: "Belgen, ik herken u als eene +onafhankelijke natie; kiest vrij uwe afgevaardigden voor het Nationaal +Congres. Ik stel mij in de provincien die ik bestuur, aan het hoofd van een +beweging welke u leidt naar eenen nieuwen en vasten staat van zaken, +waarvan de nationaliteit de kracht zal uitmaken"; overigens stelde hij +Ducpetiaux en Pletinckx in vrijheid en beloofde de schifting van de +Hollandsche en Belgische soldaten. + +Door deze ongelukkige proclamatie verloor de prins ineens zijn spel. Want, +niet alleen werd hij reeds twee dagen later bepaald over boord geworpen +door het Voorloopig Bewind, dat hem het recht ontzei te spreken "van +provincien die _hij_ bestuurde" en van "politieke nationaliteit die _hij_ +zou stichten": niet alleen deed hij het Hollandsche volk in woede +ontvlammen "omdat hij Holland had verloochend", maar zijn stoute stap werd +door Koning Willem als hebbende zijn macht te buiten gegaan veroordeeld en +in volle zitting der nieuw vergaderde Staten-Generaal van het Noorden +afgekeurd (20en October); na die harde bestraffing van zijn vader trok, vol +zelfverloochening, de ontmoedigde prins naar Londen, in de hoop aldaar bij +de conferentie der Mogendheden meer bijval te vinden, doch niet zonder +vooreerst tot de Belgen zijn wenschen voor hunne welvaart gericht te hebben +(25en October). + +Het is anders ontegensprekelijk dat deze proclamatie den laatsten slag +toebracht aan de stervende macht zijns vaders; zij verjoeg de +angstvalligheid van een massa wankelmoedige lieden, die uit schrik of +berekening nog vreesden met de Nassau's af te breken, en die dit +voorwendsel aangrijpende, om hun geweten en hunne belangen in veiligheid te +houden, zich verhaastten te verklaren dat indien zij naar 't Congres of tot +eene openbare bediening geroepen werden, zij zouden aannemen. + +"Wat alle denkbeeld overtreft, zegt De Gerlache, is het getal verzoekers +belust op een deel van den buit. Iemand die deel uitmaakte van het pas +gevestigde gezag en die voortijds in de grootste onbekendheid leefde, zag +zich bestormd door eene menigte versch ontstane vrienden, die er in +toestemden zich te wagen in de openbare ambten, uit loutere liefde voor het +vaderland en, zooals zij voorgaven, om er de verraders uit te sluiten, die +zij officieus kwamen aanklagen." + + * * * * * + +Het gansche Vlaamsche land werd nu afvallig, uitgezonderd Antwerpen door +Chasse bewaard en Maastricht door Dibbits verdedigd. Te Gent had de +Patriotische Maatschappij de Brabantsche kleuren opgestoken; het Voorloopig +Bewind, om Brussel tegen die gelukzoekers te bevrijden, had het +Parijsch-Belgisch legioen, den 7en October onder burggraaf de Pontecoulant +aldaar aangekomen, naar Gent gestuurd; na eene botsing met de oude +burgerwacht, die hare ontbinding en hervorming tot gevolg had, begon +Pontecoulant de beschieting der citadel, waarin de Hollandsche kolonel +Destombes zich opgesloten had (13en October), doch zich vier dagen later +moest overgeven; ook te Brugge werd hij eene week later belast een opstand +te gaan dempen; maar in Zeeuwsch-Vlaanderen werd zijn troep plunderaars +door de Hollanders deerlijk te Oostburg teruggeslagen (len November). + +[Figuur: Campenhout zingt de Brabanconne in het "Cafe Cantoni" +(Schilderij van VAN HAMMEE)] + +Terzelfdertijd rukten met twee duizend man luitenant-kolonel Niellon en de +kommandant der artillerie Kessels op tegen het leger van prins Frederik en +Bernard van Saksen-Weimar, een 40,000 man sterk; deze troepen, juist +ontredderd door de schifting van Hollandsche en Belgische soldaten, +stonden langs de Rupel en Nete, met den rechtervleugel te Boom, het centrum +voor de bruggen van Waalhem en Duffel, den linkervleugel boven Lier; +Niellon verraste Lier zonder slag of stoot, versterkte het, sloeg een +tegenaanval af en verplichtte het gansche leger zich onder de muren van +Antwerpen terug te trekken. Bij dit nieuws stelde Chasse de havenstad in +staat van beleg. 's Anderendaags overrompelt generaal Mellinet, met het +tweede leger, de brug van Waalhem en sluit zich den 24en op Ouden-God met +Niellon aan. Reeds den volgenden dag namen zij Borgerhout en Berchem in, +alwaar graaf Frederik de Merode doodelijk gekwetst werd; enkele dagen +vroeger was de tooneelspeler Jenneval, de dichter der _Brabanconne_, te +Lier gesneuveld. + +[Figuur: Fac-simile van een handschrift uit de Koninklijke +Bibliotheek te Brussel] + +Op het zicht der vluchtende Hollanders staat het lagere volk te Antwerpen +op; straatgevechten ontstaan; de strijd wordt vooral rondom de poorten +geleverd; een gedeelte der Hollandsche troepen begint den aftocht naar +Breda, terwijl het andere de muiters beschiet. + +Den 27en 's morgens trok eene afvaardiging van Antwerpsche notabelen bij +generaal Chasse om hem te vragen het gevecht te staken; zij overhandigden +hem tevens eenen brief van den oud-tolbeambte Frans Vanden Herreweghe, +afgevaardigde van het Voorloopig Bewind, die hem vroeg zijne troepen in de +citadel en het arsenaal terug te trekken en een wapenstilstand met de +patriotten te sluiten. De bevelhebber nam het voorstel aan, gaf bevel aan +zijne manschappen om zich over de wallen naar het kasteel te begeven en +leverde de sleutels der stadspoorten aan Vanden Herreweghe. + +Kessels en Niellon, nauwelijks met de vrijwilligers de stad binnengerukt, +deden zich door de verdedigers der citadel, onder den schijn dat zij +vredeonderhandelaars waren, inlaten, en legden de verklaring af, dat de +gesloten wapenstilstand, als zijnde geteekend door een onbevoegde +burgerlijke overheid, geene verbindende kracht had voor de Belgische +troepen. Daar Chasse ze naar den afgevaardigde van 't Bewind verzond, +durfden zij met dien Vanden Herreweghe en Mellinet rond den middag aan den +generaal een geschreven voorstel richten, waardoor zij de citadel, het +arsenaal en de krijgsvloot met al het oorlogsmateriaal opeischten met +tijdsbepaling van vier uur om te beslissen. + +Doch nog voor twee uur hadden reeds de onstuimige patriotten, ondanks den +wapenstilstand, op de Hollanders van het arsenaal geschoten. Deze waren +genoodzaakt dit vuur te beantwoorden; de aanvoerder Kessels, die eerst +getracht had zijne vrijwilligers te doen ophouden, richtte op het einde +zelf een kanon tegen de hoofdpoort der omheining en deed ze springen. Dan +gaf de lankmoedige Chasse, op aandringen van Saksen-Weimar, ondanks zijn +afkeer, maar woedend over die "hatelijke trouweloosheid", het bevel om het +St Andries-kwartier met houwitserbommen, granaten en kogels te beschieten. +Ook de vloot beantwoordde den aanval der vrijwilligers met haar grof +geschut tegen de kaaien te richten: het bombardement van de prachtige +koophandelsstad eindigde slechts om 7-1/2 uur, na overal vernieling en dood +gezaaid te hebben. De openbare gebouwen, de private huizen stonden weldra +in lichterlaai; het arsenaal, waarin zooveel schatten opeengestapeld waren, +werd ook de prooi der vlammen (27en October). + +Alsdan kwam een nieuwe afvaardiging van Antwerpsche ingezetenen, dragers +van eenen brief van den moedigen en standvastigen Rogier, om Chasse tot een +nieuwen wapenstilstand over te halen, wat deze toestond. Bernard van +Saksen-Weimar scheepte daarop een deel der troepen in, en liet aan Chasse +eene genoegzame bezetting. + +Alhoewel de gansche schuld van dit verschrikkelijk bombardement aan de +verwatenheid der Belgische vrijwilligers lag, werd Chasse's handelwijze +door de leden van het Voorloopig Bewind en hunne dagbladen, als de uiting +van een barbaarschen wraaklust en Hollandschen handelsnijd voorgesteld, en +"steeg er bij dit nieuws een kreet van afgrijzen door gansch Belgie op." +"De gematigdste burgers, schrijft De Gerlache, riepen uit dat geene +verzoening met de Hollanders meer mogelijk was, dat een stroom van vuur en +bloed ons voor altijd van Willem en zijn stamhuis scheidde!" De laatste +hoop van den prins van Oranje was verzwonden; zijne zaak was reddeloos +verloren. + +In eene maand dus was het Hollandsche leger van den Belgischen bodem +verjaagd. En nochtans ontbrak het de omwenteling aan hoofdmannen, aan +voorbereiding, aan richting. De koene handelingen van het onbemiddelde +Voorloopig Bewind en voornamelijk de werkdadigheid van Rogier kan men +hierom niet genoeg bewonderen. Trouwens het waren de menschen niet die de +gebeurtenissen leidden, maar wel de gebeurtenissen die met ongemeene +snelheid de menschen met zich sleepten. + +De weifelingen van den koning, de machteloosheid van den prins van Oranje, +de ontbinding van het Hollandsche leger, de schuldige lamlendigheid van de +militaire gouverneurs, alles was de revolutionnaire aanvoerders en de +Belgische vrijwilligersscharen zoo buitengewoon gunstig geweest, dat die +spoedige overwinning niemand moet verwonderen. + +Chasse's krachtdadig optreden stuitte dien geweldigen aanloop; het was het +einde der Belgische zegepraal. De Hollandsche legers sloten zich weer +aaneen, 's Konings oproep tot den strijd werd met geestdrift door zijn +Hollandsch volk begroet; met algemeenen wedijver kwamen burgers, studenten, +werklieden de rangen van het leger en van de schutterij aanvullen en +stortten de groothandelaars en de reeders hunne schatten in de Staatskist. +Het gansche volk stond, in het Noorden, op tegen de "verraders" van het +Zuiden; niet dat men Belgie wilde veroveren, want de Tweede Kamer drukte +"haar verlangen uit, om wettelijk volkomen van eene mislukte verbintenis +verlost te worden", doch eenvoudig om het bedreigde Nederland te +verdedigen. + +Het woord was echter niet meer aan het gekletter der wapenen, maar aan de +diplomatie van de groote Mogendheden. Evenals deze de beide landen door +hunne handteekeningen vereenigd hadden, zouden zij ze door protocollen en +verdragen van elkander scheiden. + + + + +DE + +STICHTING VAN HET KONINKRIJK BELGIEe + +DOOR + +VICTOR FRIS + + +[Figuur: E. L. Baron Surlet de Chokier] + +De commissie der Grondwet, den 12en October 1830 voor de eerste maal +vereenigd, besloot, denzelfden dag reeds, met 8 stemmen tegen 1, dat de +regeeringsvorm het grondwettelijke koningdom wezen zou; daarna bepaalde zij +de grondslagen van de Constitutie en, na er lezing van gegeven te hebben +aan het Voorloopig Bewind, gaf zij het ontwerp den 28en uit. Den 10en +November kwam het Nationaal Congres, dat de akten van het Voorloopig Bewind +zou bekrachtigen en de Grondwet bespreken, te Brussel bijeen. Na eene +openingsrede van L. de Potter, die de tusschenkomst van de Mogendheden +mocht aankondigen, werd E. Surlet de Chokier tot voorzitter van het Congres +gekozen. Twee dagen later gaf het _Gouvernement provisoire_, dat tot +daartoe een willekeurig en eigenmachtig gezag uitgeoefend had, zijne macht +aan het verraste Congres over. Dit echter nam bij handgeklap, op voorstel +van De Stassart en door gebrek aan tijd om te beraadslagen, het besluit het +Voorloopig Bewind te verzoeken het uitvoerend gezag te behouden, zooals de +leden van dit Bewind het overigens gehoopt hadden. + +De twistzieke L. de Potter nam zijn ontslag, daar hij de opperste en +wettige macht voor het Voorloopig Bewind eischte en dien machtsafstand +afkeurde (13en November). Den 16en benoemde het Voorloopig Bewind, ten +einde zijne taak te vergemakkelijken, een diplomatisch Comiteit, dat de rol +van een ministerie van buitenlandsche zaken zou vervullen, met S. Van de +Weyer als voorzitter, graven van Aerschot en de Celles als +ondervoorzitters, Ch. Lehon en Nothomb als leden: die inrichting was +dringend noodig. + +Immers, op 21en October, had Falck te Londen, in naam van koning Willem, +aan Lord Aberdeen gevraagd, bij de gezanten der Mogendheden te willen +aandringen op een spoedige bemiddeling en op het verwezenlijken van een +wapenstilstand tusschen Holland en Belgie, om inmiddels _de herstelling van +de goede betrekkingen_ tusschen beide landen te bewerken. Daarin stemden, +na lang dralen hunner regeeringen, de gevolmachtigden der vorstelijke hoven +toe, en door een protocol van 4en November stelde de Conferentie te Londen +vereenigd een wapenstilstand aan Holland en aan Belgie voor. Het Voorloopig +Bewind, verheugd over de tusschenkomst der Mogendheden en over de +vaststelling van de bestandsbepalingen, nam den 10en, dag van de opening +van het Congres, dit voorstel aan, dat beslist den 21en goedgekeurd werd. +Door de toezegging van dien wapenstilstand tusschen Noord en Zuid, erkende +dus van 't begin af de Conferentie het volbrachte feit en verleende aan de +Belgische opstandelingen eigenlijk den titel van oorlogvoerenden. + +Den 18en November bekrachtigde het Congres bij eenparigheid, zonder +nochtans eenige beslissing van de _Conferentie van Londen_ af te wachten, +het besluit van het Voorloopig Bewind aangaande de onafhankelijkheid van +Belgie, "behoudens de betrekkingen van Luksemburg met den Duitschen Bond." +Den 22en besloot het, met 174 stemmen tegen 13, dat de regeeringsvorm "de +erfelijke monarchie, beperkt door eene volksvertegenwoordiging" zou zijn; +dit deed de Belgen de sympathie der Mogendheden inwinnen, die nooit een +Republiek zouden geduld hebben. Den 23en stelde Constant Rodenbach de +verdrijving van het huis van Oranje voor. Wellicht ware dit overijlde +besluit nooit genomen geweest, zonder de onbehendige drukking van de +gevolmachtigden van de Conferentie, die verklaarden dat die stemming Belgie +met de Mogendheden in de war zou brengen; talrijke leden veranderden, uit +protest, hunne zienswijze, zoodat, met 101 stemmen tegen 28, verklaard +werd, dat de leden van het huis van Nassau voor eeuwig buiten alle +heerschappij in Belgie zouden gesloten zijn. + +Die voor Oranje zoo harde slag hinderde tevens deerlijk de plannen van de +"Conferentie van Londen". + +De verkiezing van Willem's zoon had sedert het begin van October, aan +Louis-Philippe de gelukkigste oplossing geschenen; en zijne ministers +Maison eerst en later Sebastiani deden den gezant Bresson in dien zin te +Brussel werken. Het Engelsche ministerie Wellington-Aberdeen was den prins +zeer genegen; wat de Oostelijke machten betreft, Pruisen, waar zijne zuster +een kroonprins onlangs gehuwd had, en Rusland, waar hij met de zuster van +den Czaar in den echt was getreden, zouden hem hunnen steun verleenen. Maar +de kuiperijen van Bresson stuitten op de hardnekkige weigering van de +Belgische clericalen. De beschieting van Antwerpen, alhoewel Oranje daar +niet de minste schuld aan had, had zijnen naam bij het volk hatelijk +gemaakt. Alzoo viel het eerste ontwerp van de Mogendheden. + +Koning Willem, in zijne hoop op de gewapende tusschenkomst der Mogendheden +verblind, was in zijne verwachtingen nog gesterkt door de behoudsgezinde +troonrede van Willem IV van Engeland, doch moest op het einde fel klagen +dat zijne verbondenen hem in den steek lieten. De algemeene wensch van de +Europeesche regeeringen bleek integendeel voor eene vreedzame oplossing te +zijn. + +[Figuur: Zitting van het Nationaal Congres (24 November 1830)] + +Wel bestond er in Frankrijk een _parti de la revanche_, die sedert de +Septemberdagen de aanhechting van Belgie bij Frankrijk, en de bescherming +van de "oudste dochter der groote Juli-week" eischte. Had Louis-Philippe +aan dien onstuimigen drang toegegeven, en hadden van hunnen kant de +onderteekenaren van de Sainte Alliance het werk van het Weener Congres +willen in stand houden, weer zou ons land het slagveld van Europa geworden +zijn. Louis-Philippe, de voorzichtige Vorst, wilde echter, kost wat kost, +eene verwikkeling met het buitenland vermijden, uit vrees voor zijn eigen +troon. Met Engeland, dat het eerst de Juli-monarchie erkend had, wenschte +hij innig het Hollandsch-Belgisch vraagstuk op diplomatische wijze te +beslechten. Naar Londen had hij dus gezonden den sluwen Talleyrand, wel +bekend om zijne voorliefde voor een Fransch-Engelsch verbond, en deze wist, +in enkele dagen, de Engelsche regeering tot dezelfde opvatting over te +halen: alzoo mislukten te Parijs de onvermoeibare pogingen van Gendebien en +van de Fransche partij omtrent de rechtstreeksche of onrechtstreeksche +inlijving van Belgie bij Frankrijk. Talleyrand had dus het grondbeginsel +van het _Niet-Tusschenkomen_ doen zegevieren, nog voor de Conferentie. + +Pruisen, op het zicht van den steeds toenemenden gelukkigen uitslag van de +Omwenteling te Brussel, was weldra van meening veranderd, en verkoos het +behoud van den Europeeschen vrede, boven het verleenen van gewapende hulp +aan den altijd om steun smeekenden Willem. + +Metternich in Oostenrijk, overtuigd dat de Hollandsche zaak verloren was, +en ten zeerste misnoegd over het zegevieren van het grondbeginsel van het +_Niet-Tusschenkomen_, gaf aan Esterhazy last, in overeenkomst met de +Fransche, Engelsche en Pruisische gezanten, het best mogelijk te handelen +in het belang van het Europeesch evenwicht. + +Czaar Nikolaas, over dien nieuwen volksopstand in Europa woedend geworden, +had bedreigingen laten hooren, sprak van een sterk leger naar Belgie en +Frankrijk te zenden, om er den ouden staat van zaken te herstellen, en, als +voorwacht, het Poolsche leger, onder het bevel van zijn broeder +Constantijn, voorop te sturen. Maar, als Pruisen zijn toetreding ontzegd +had, viel alras zijne krijgszuchtige stemming, en verklaarde hij niet +alleen te willen optreden. Overigens, de opstand der Polen, te Warschau, +bij het nieuws van hunne aanstaande mobiliseering, belette hem zijne +voornemens uit te voeren. + +Niet op het slagveld, maar aan de groene tafel der diplomaten, zou over het +lot van het Rijk der Nederlanden beslist worden. + + * * * * * + +Koning Willem had slechts de _bemiddeling_ van de Conferentie ingeroepen; +zij trad weldra als _scheidsrechter_ op. De stoutmoedige uitroeping van de +Belgische Onafhankelijkheid en van de uitsluiting der Nassaus had haar +verrast. De krachtdadige houding van het Congres heeft ontegensprekelijk de +werking der gezanten beinvloed, en niet minder de besprekingen van den +afgevaardigde van het Voorloopig Bewind, Sylvain Van de Weyer, met de +politieke leiders te Londen; overigens, de val van het behoudsgezinde +Wellington-ministerie en het optreden van de liberalen, met Grey aan het +roer en Palmerston aan de buitenlandsche zaken, was voor de zaak van de +Belgische Omwenteling een hooge troef (17en November); nog nauwer sloot +Engeland zijn verbond met Frankrijk, en nam het grondbeginsel van het +_Niet-Tusschenkomen_ als het hoofdartikel van zijne uitheemsche politiek +aan. Intusschen zag Palmerston klaar in, welk een groot oeconomisch voordeel +er in de scheiding van Noord- en Zuid-Nederland, voor Engeland lag. Overal +hadden de Nederlanden, die dezelfde handels- en nijverheidselementen als +Groot-Britannie bezaten, dit land op al de wereldmarkten eene heftige +mededinging aangedaan, dank zij vooral de ontzaglijke ontwikkeling der +Nederlandsche vloot. Als eilandsmogendheid vreesde Engeland die mededinging +des te meer, daar ze kwam van eenen continentalen Staat en samenviel met +den aanleg van de eerste spoorwegen in Engeland. + +Op meesterlijke wijze bemachtigde dan ook de Engelsche diplomatie de +leiding der onderhandelingen met het dubbele doel: Frankrijk te beletten, +'t zij geheel, 't zij gedeeltelijk, Belgie in te lijven; en de Belgische +provincien, onder eenen Engelschgezinden Vorst, volkomen van Holland af te +scheiden en tot een onafhankelijken Staat te maken. + +Ook Talleyrand wees, naar hij beweert, een hersenschimmig voorstel van +verdeeling van Belgie tusschen Nederland, Frankrijk en Pruisen, mits +afstand van Antwerpen aan Engeland, met minachting van de hand; hij had +overigens van zijne regeering last gekregen de Nederlanden in twee te +splitsen en van Belgie een onafhankelijken Staat met een vorst te maken. + +Louis-Philippe, in antwoord op de aanzoekingen van Gendebien, weigerde +Belgie, tegen welken prijs ook, aan te nemen; hij weigerde zelfs zijn zoon +den Belgen tot Vorst te geven en verklaarde, uit loutere vrees voor zijnen +troon, niets dan den vrede alleen te willen. De aanstelling van een +Duitschen prins, die een zijner dochters zou huwen, scheen hem toe te +lachen; men sprak van den prins Leopold van Saksen-Coburg, die pas voor de +Grieksche koningskroon bedankt en over wien Van de Weyer reeds aan Aberdeen +gesproken had. Dit laatste denkbeeld werd door Talleyrand bijgetreden; en +op 14en December kwam hij met Palmerston overeen, dat de verkiezing van +Leopold en zijn huwelijk met Louis-Philippe's dochter, het eenige middel +was om iedereen te bevredigen. Van den prins van Leuchtenberg, zoon van +Eugene de Beauharnais, wiens kandidatuur sedert half November in Belgie +voorgesteld was, wilden de Mogendheden niet weten. + +Alzoo hadden Engeland en Frankrijk, tegen den wil der Oostelijke machten, +de Conferentie van richting doen veranderen; van _bemiddelend_, was zij +_beslissend_ geworden; de vreemde kabinetten wisten wel dat zij geen recht +hadden om tusschen te komen, en toch kwamen zij tusschen, terwijl zij zich +tevens verschuilden achter het principe van het _Niet-Tusschenkomen_! De +uitslag liet zich niet lang wachten. Den 20en December werd, onder aandrang +van Palmerston en Talleyrand, het protocol onderteekend dat, tot groote +verwondering van beide partijen, de ontbinding van het Rijk der Nederlanden +uitsprak, en het Voorloopig Bewind uitnoodigde, ten spoedigste +gevolmachtigden naar Londen te zenden, om de vraagstukken, door die +scheiding opgeworpen, op te lossen. Falck en Koning Willem teekenden +onmiddellijk protest aan, tegen die ongehoorde aanmatiging van +bevoegdheid; zij betwistten aan de Conferentie het recht zoo een beslissing +te nemen en riepen de onderhandelaars binnen de grenzen van hunne opdracht +terug. Niets baatte. De afgezanten te Londen wisten wel dat niemand in +Holland de hereeniging met het Zuiden wenschte, zelfs Falck niet. Den 3en +Januari 1831 nam vol vreugde het Diplomatisch Comiteit van Brussel, maar +onder voorbehoud, het Protocol aan, en zond Van de Wever en Vilain XIIII +als commissarissen bij de Conferentie naar Londen. + +De erkenning van de onafhankelijkheid van Belgie dagteekent van dit +oogenblik. Zij was een triomf voor de Engelsche diplomatie; ook +Louis-Philippe jubelde over de vernietiging der barriere in 1814 tegen +Frankrijk opgericht. Hierom hadden de Franschgezinde groep te Brussel, met +Stassart en Gendebien, en de Annexionistenpartij te Parijs, met generaal +Lamarque en Mauguin, hunne pogingen geenszins gestaakt. Gendebien, door de +Fransche regeering bij zijn herhaald aandringen afgescheept, schreef aan +zijne ambtgenooten van het Voorloopig Bewind "dat het beter was de +vereeniging met Frankrijk af te kondigen, ten einde Louis-Philippe bij de +Mogendheden verdacht te maken, en hem te dwingen partij te kiezen voor de +Belgen en desnoods met de Belgen." Van de Wever, in samenvoeling met graaf +de Celles en met toestemming van minister Sebastiani, drong nogmaals bij +den Franschen Vorst aan, opdat hij zijn zoon, den hertog van Nemours, tot +Koning aan de Belgen zou geven, wat eene vermomde inlijving bij Frankrijk +zou geweest zijn. Firmin Rogier werd belast met aan de Fransche regeering +te vragen of, in geval de Belgische gewesten de Fransche vlag opstaken en +de onmiddellijke vereeniging met Frankrijk eischten, Frankrijk de +opstandelingen zou ondersteunen. Op Gendebien's raad, dreigde dan ook het +Voorloopig Bewind, den 31en December, de Conferentie van Londen met de +afkondiging van de vereeniging van Belgie met Frankrijk: Palmerston en +Talleyrand wisten wel anders! + +Intusschen stond de Conferentie voor het zoo moeielijke vraagstuk van de +vaststelling van de grenzen van Holland en Belgie. In de verwaandheid van +hun onverhoopt geluk, hadden de leden van het Voorloopig Bewind +Zeeuwsch-Vlaanderen, de gansche provincie Limburg en het Groothertogdom +Luksemburg geeischt. Zekere groep, die voortdurend met de militaire +ondersteuning van Frankrijk schermde, hitste de gemoederen tot de herneming +van den strijd op, zoodat de afgevaardigden der Conferentie, Bresson en +Ponsonby, te Brussel, vele pogingen moesten doen om die heethoofden te +stillen. + +De sluwe Talleyrand, die bij 't verzaken der volledige aanhechting van +Belgie dan toch met het gansche Fransche volk eene vermeerdering van +grondgebied verhoopte, poogde intusschen, te Londen, van den tragen gang +van de Conferentie gebruik te maken, om allerlei slinksche voorstellen te +doen; nu eens stelde hij den afstand van Saksen aan Pruisen voor, terwijl +de Koning van Saksen Belgie in ruiling zou bekomen en men het Rijnland aan +Frankrijk zou afstaan; dan weer den afstand van Luksemburg of van +Philippeville met Mariembourg aan Louis-Philippe. Doch Palmerston weigerde +een duim gronds weg te geven van hetgeen aan de Conferentie niet +toebehoorde (5en-9en Januari 1831). + +Middelerwijl zette de Conferentie haar werk voort, en bepaalde +eigenmachtig, _als scheidsgerecht_, de grondslagen van de scheiding van +Belgie en Holland. De koppigheid van Koning Willem die eerst de Schelde +geopend en ze, ondanks de bedreigingen der Mogendheden, weder gesloten had, +alsook de weerwraak der Belgen die het belegerde Maastricht weigerden te +ontzetten, hadden de afgezanten zeer misnoegd. Den 20en Januari beslisten +de gevolmachtigden dat Holland tot de grenzen der Republiek der +Vereenigde-Provincien, in 1790, terugkeeren, en daarbij het Groothertogdom +Luksemburg verkrijgen zou. De vrije scheepvaart moest op stroomen en +rivieren in toepassing zijn, volgens de bepalingen van het Congres van +Weenen. Den 27en volledigden zij hunne besluiten met de Staatsschuld +tusschen beide landen ongeveer gelijk te verdeelen, voorstellende aan +Belgie de betaling der 16/31 te laten, alsook de verdere deelneming aan +den kolonialen handel. Het belangrijkste artikel van de 20 was hetgeen, +waardoor de vijf Mogendheden de _eeuwige onzijdigheid_ van Belgie +uitriepen, en ook de geheelheid en de onschendbaarheid van zijn +grondgebied. Talleyrand, die wel begreep dat de Belgische neutraliteit een +tegen Frankrijk gerichte waarborg was, had als een leeuw gekampt, om die +onzijdigheid ook tot het Groothertogdom te doen uitbreiden, of, zooniet, +Philippeville en Mariembourg voor Frankrijk te verkrijgen: hij stuitte op +onoverwinbaren tegenstand, vooral van Palmerston. + +Het protocol van 20en Januari werd den 29en aan het Nationaal Congres, dat +reeds aan de stemming voor de koningskeuze was, voorgelegd: de vergadering +stelde een protest op tegen alle beperking van het grondgebied en tegen +alle verplichting die men Belgie zou willen opdringen, zonder toestemming +van de Nationale vertegenwoordiging. + +Daarentegen en tot eenieders verbazing deelde Falck aan de Conferentie de +verklaring mede (18en Februari), dat zijn meester de grondslagen van de +scheiding ten volle bijtrad, volgens de protocollen van 20en en 27en +Januari. 's Anderendaags reeds antwoordden de afgezanten op het Belgisch +protest door eene nieuwe akte. Daarin beriepen zij zich op de +rechtvaardigheid van de grensverdeeling, alsook op de noodwendigheden van +hunne eigene overeenkomsten en belangen, en bevestigden uitdrukkelijk dat +_de door hen vastgestelde schikkingen fondamenteele en onherroepelijke +schikkingen waren_. + +Door zijne bijtreding tot de protocollen van Januari, had Willem feitelijk +afstand gedaan van zijne rechten op de Zuidelijke Nederlanden; hij heeft +later, doch te vergeefs, deze daad over het hoofd willen zien; de fout was +begaan, maar zij liet hem toe, als de Belgen weigerden zich naar de +protocollen te schikken, gewapenderhand op te treden. + + * * * * * + +Intusschen had het Congres de bespreking van de verschillende artikelen der +Grondwet voortgezet. Een kijkje op zijne samenstelling zal beter zijne +werking verklaren. De cijns- en bekwaamheidskiezers hadden bijna evenveel +liberalen als katholieken naar Brussel gestuurd, en alzoo werd de gematigde +liberaal Surlet de Chokier van Luik, bij De Gerlache's afstand, tot +voorzitter gekozen. De geest der clericale afgevaardigden en zelfs der +priesters onder hen was intusschen merkelijk gewijzigd: de katholieke De +Gerlache, voorzitter der voorbereidende Grondwetscommissie, getuigt +uitdrukkelijk dat de liberale denkbeelden van den priester Lamennais het +opstellen van het ontwerp beheerschten. De liberalen deden de vrijzinnige +denkbeelden, die de Juli-omwenteling pas bevestigd had, in menig debat +zegepralen; maar het grondbeginsel van de overmacht van den Staat op de +Kerk werd verworpen (23en December) en dank zij den doctrinair Defacqz werd +de rechtstreeksche verkiezing der Parlementsleden vervangen door een +cijnsstelsel waarbij 't getal kiezers voor gansch Belgie op vier en veertig +duizend gebracht werd. + +Titel I van de Grondwet werd aangenomen in een redactie van den volgenden +inhoud: De uitvoerende macht behoort aan eenen erfelijken en onschendbaren +Koning, en aan zijne verantwoordelijke, door hem benoemde en afzetbare +ministers; die Koning mag de Kamers ontbinden, op voorwaarde, in de veertig +dagen nieuwe verkiezingen te bevelen. De wetgevende macht werd aan den +Koning en aan _twee_ eigenmachtige vergaderingen gezamenlijk toegekend +(12en December), een Kamer van volksvertegenwoordigers, rechtstreeks voor +vier jaren gekozen door de burgers die een minimum-belasting van 20 gulden +betaalden, en een Senaat, die slechts half zooveel leden als de Kamer zou +tellen, door dezelfde kiezers voor den tijd van acht jaar gekozen onder de +burgers van ten minste veertig jaar oud en twee duizend gulden +rechtstreeksche belastingen betalende (17en December). De rechterlijke +macht werd toevertrouwd aan onafzetbare voor het leven benoemde rechters, +en voor lijfstraffelijke en politieke zaken aan de jury. + +Titel II, handelende over de "Belgen en hunne rechten", bevatte talrijke +zeer vrijzinnige bepalingen, zooals de vrijheid van de eerediensten, de +vrijheid van vereeniging en petitionnement, de vrijheid van de drukpers; +art. 17 verleende de door de katholieken geeischte vrijheid van onderwijs; +door art. 117 werd de scheiding van Staat en Kerk op eigenaardige wijze +bepaald, in dezer voege dat de bezoldiging van de geestelijken aan den +Staat opgelegd werd, alhoewel aan dezen, door art. 16, alle inmenging in +benoeming en aanstelling der geestelijken en in hunne onderlinge +betrekkingen ontzegd was; de scheiding der beide machten bevrijdde dus de +Kerk van hare lasten en liet haar hare voorrechten. De vrijheid der +eerediensten hadden de clericalen, ondanks de pauselijke voorschriften, +toch in de Grondwet nedergeschreven, omdat Belgie bijna uitsluitend +roomsch-katholiek was en het petitionnement bewezen had dat de priesters +volkomen over de bevolking beschikten. Uit vrees voor dwingelandij, uit +achterdocht voor verdrukking, werd de meest uitgebreide decentralisatie +ingevoerd, krachtens het heerlijk beginsel dat alle macht uit het volk +komt. + +Niettegenstaande zekere gebreken is de Belgische Grondwet, door het Congres +langzaam voorbereid, een monument van wijsheid, dat aan talrijke andere +grondwetten tot voorbeeld gediend heeft, en waaraan de Hollandsche +wetgevers, bij de herziening van hunne Grondwet in 1848, zich +klaarblijkelijk gespiegeld hebben. + +Ook werd het charter onzer vrijheden den 7en Februari 1831 met eenparige +stemmen aangenomen, te midden van de moeielijkheden over de koningskeus, +die wij in enkele trekken willen schetsen. + +Sedert den 2en Januari had Gendebien opnieuw bij Louis-Philippe en bij zijn +minister Sebastiani vruchteloos aangedrongen, opdat de Koning zijn zoon +Louis de Nemours aan de Belgen tot Vorst zou schenken. Firmin Rogier liep +dezelfde blauwe scheen, drie dagen nadien, alhoewel hij bevestigde dat, in +den schoot van het Congres, eene sterke partij zich voor de vereeniging met +Frankrijk verklaarde; Sebastiani had bovendien de verheffing van een +Belgischen burger tot Koning afgeraden, en wilde nu ook van den in Belgie +impopulairen Leopold van Saksen-Coburg niet meer weten. Enkele dagen +later, bij de vraag of de keus van den zeer begaafden zoon van Eugene de +Beauharnais, den hertog August van Leuchtenberg, Frankrijk zou behagen, +antwoordde de minister aan Firmin Rogier dat "van al de schikkingen, degene +aangaande den hertog van Leuchtenberg wellicht de onaangenaamste en de +noodlottigste was; dat het gouvernement nooit zijne toestemming zou geven +in de verkiezing van den hertog tot vorst der Belgen, omdat het door een +Leuchtenberg bestuurde Belgie het middelpunt zou worden, waar al de +hartstochten der Bonapartisten aan het gisten zouden geraken." En hij deed +in dien zin door zijn gezant Bresson de schandelijkste drukking op het +Congres uitoefenen (11en-21en Januari). + +Met fierheid besloot daarop het Congres de voogdij van Europa af te +schudden: na een lang debat nopens het punt, of men het oordeel der +Conferentie van Londen -- zoo was men reeds in hare inmenging in 's lands +zaken gewoon; -- zou inroepen, werd deze vernederende consultatie met 89 +stemmen tegen 62 verworpen; men verwierp zelfs de raadgevingen van het +Engelsch kabinet, dat men wist meer en meer tot de kandidatuur van Oranje +over te hellen; doch door eene wonderlijke tegenspraak, die den +geestestoestand van het Congres kenmerkt, besliste de vergadering, met 80 +stemmen tegen 75, dat men Louis-Philippe nopens den kandidaat tot het +koningschap zou raadplegen (19en Januari). Niettegenstaande de aanvallen +van de annexatiepartij in de Fransche Kamer, luidde twee dagen later het +antwoord der Fransche regeering onveranderlijk "dat ze niet zou toestemmen +in Belgie's annexatie; dat ze de kroon niet zou aanvaarden voor den hertog +van Nemours; dat ze, _zonder voornemens te zijn inbreuk te maken op de +vrijheid der Belgen in de keus van hun souverein (!)_, nochtans de keus van +den hertog van Leuchtenberg niet zou erkennen." + +Dit voortdurend aanbod door de Franschgezinden van het Diplomatisch +Comiteit, -- de Rogiers, Gendebien, Van de Wever, de graven d'Aerschot en +de Celles, -- van Belgie aan Frankrijk, weerkaatste geenszins de meening +van de groote meerderheid van de bevolking. Geheel Vlaamsch-Belgie en +inzonderheid de almachtige geestelijkheid, de talrijke partij der +Onafhankelijkheid, teekenden tegen deze weinig eerlijke handelingen der +Fransche groep protest aan, en Jottrand stelde de mannen van het Voorloopig +Bewind, die eigenmachtig deze aanbiedingen gedaan hadden, in volle Congres +aan de kaak. + +Daar de inlijving bij Frankrijk dus eene feitelijke onmogelijkheid bleek, +besloten de leden van het Voorloopig Bewind, alsook die van het +Diplomatisch Comiteit, op het einde van Januari, alles in het werk te +stellen om de keus van Nemours te doen gelukken, "wat op hetzelfde neerkwam +als de vereeniging met Frankrijk." Om Louis-Philippe's besluiteloosheid uit +den weg te ruimen verzonnen De Stassart en de Franschgezinden de volgende +list: de candidatuur van den hertog van Leuchtenberg, die Frankrijk niet +kon aannemen, doordrijven, om deszelfs toestemming in de verkiezing van den +hertog van Nemours af te dwingen. + +'t Was dus tusschen Nemours en Leuchtenberg dat de strijd in 't Congres zou +geleverd worden; men wist dat aartshertog Karel van Oostenrijk, door enkele +Vlamingen voorgesteld, geen kans van slagen had, en van den minderjarigen +Otto van Beieren of prins Karel van Napels, van wie men vroeger wel eens +gewaagde, was er geene spraak meer. + +De keus van Leuchtenberg, dank zij De Stassart's kuiperijen, dank zij de +woede die Sebastiani's drukking in het Congres verwekt had, scheen +omstreeks 20en Januari verzekerd; zijn portret werd in de straten +uitgedeeld; meer dan drieduizend handteekeningen bevalen zijne candidatuur +aan het Congres aan. Den 28en begonnen de debatten over de koningskeus. + +Om Leuchtenberg's verkiezing te verhinderen maakten Louis-Philippe en +Sebastiani rechtsomkeert; alles was nog niet verloren voor de Fransche +regeering, want op 25en Januari hadden 52 afgevaardigden, onder welke de +voorzitter Surlet, de onder-voorzitter De Gerlache, F. de Merode, de twee +Gendebien's, eene petitie voor Nemours onderteekend; maar er moest dadelijk +gehandeld worden. + +Markies de la Woestine werd naar Brussel, waar hij veel vrienden telde, +gezonden om de inzichten der Congresleden te polsen. Hij liet weldra in het +Palais-Royal weten dat de verkiezing van prins August verzekerd was, indien +men hem niet uitdrukkelijk den hertog van Nemours tegenstelde. De +gelastigde Bresson kwam dus den 28en uit Parijs terug "met de bepaalde +machtiging om te beloven dat indien de kroon den hertog van Nemours +aangeboden werd, zij door Louis-Philippe voor hem zou aangenomen worden." +Markies de la Woestine gaf daarvan officieuse bevestiging. Deze +guitenstreek liet aan de Fransche uitgezondenen vrij spel, lokte de +heerschzuchtigen aan door het aas van een gemakkelijken bijval, en deed den +moed der Fransche partij herleven. De Stassart deelde aan zekere +Congressisten een brief mede, die eene weigering van den hertog van +Leuchtenberg liet voorzien; daarenboven werd een weinig voor de stemming +het valsche gerucht verspreid, dat vertrouwelijke brieven van Firmin Rogier +de aanvaarding van Louis-Philippe verzekerden; dit besliste over de keus: +den 3en Februari 1831, na een zesdaagsch debat en na eene tweede +stemopneming, werd de hertog van Nemours tot Koning der Belgen uitgeroepen +met 97 stemmen, tegen 74 aan Leuchtenberg en 21 aan Karel van Oostenrijk; +de Vlaamsche provincien hadden meerendeels voor Beauharnais' zoon, de +Waalsche meestal voor den Franschen prins gestemd. + + * * * * * + +Men dacht dat de regeeringloosheid nu een einde genomen Had, en het nieuws +der verkiezing werd overal met gejubel onthaald. De gouverneurs deelden aan +burgemeesters en gemeenten het heuglijk bericht van de benoeming van het +hoofd van den Staat mede, en denzelfden dag nog kondigde burgemeester +Rouppe te Brussel aan de ingezetenen de benoeming van Louis I tot Koning +der Belgen aan! + +Bij het verlaten van het Congres vernamen de leden de aanhouding te Gent +van kolonel Ernest Gregoire die, op het laatste oogenblik, een opstand ten +gunste van den prins van Oranje had willen teweegbrengen. + +Niemand besefte op dit oogenblik de ellendige fopperij, waarvan Congres en +Voorloopig Bewind de slachtoffers geweest waren, noch de verfoeilijke +dubbelzinnigheid waarmede het Fransch gouvernement de vertegenwoordigers +van de Belgische natie om den tuin geleid had. + +Nu, sedert den 1en Februari, had de Londensche Conferentie, door een geheim +protocol, de hertogen van Nemours en Leuchtenberg uitgesloten; en +Frankrijks gezant, die eerst Palmerston omtrent Nemours' verkiezing had +gepolst en met bedreigingen was afgewezen, had dit besluit moeten +onderteekenen. Meer nog, wanneer men te Londen de overigens verwachte, maar +toch indrukmakende verkiezing van Nemours vernam, werden Sebastiani en +Talleyrand verplicht de Conferentie gerust te stellen, door de plechtige +verzekering dat Frankrijk zich bij die uitsluiting hield (5en-7en +Februari). + +Het was 's anderendaags dat de Belgische afvaardiging, -- Surlet de +Chokier, Lehon, de Brouckere, F. de Merode -- die in hare naiveteit het +besluit van het Congres aan Louis-Philippe moest overbrengen, te Parijs +aankwam. Met de grootste hoffelijkheid ontvangen, zag de deputatie het +koninklijk gehoor van dag tot dag verschuiven, en eindelijk op den 17en +vaststellen; want de regeering, genepen tusschen de oproerige eischen van +de annexatiepartij en hare verbintenissen tegenover Europa, zat in erge +verlegenheid. + +Intusschen ontving het Voorloopig Bewind van Lord Ponsonby mededeeling van +het nieuwe Protocol van Londen, met Talleyrand's handteekening bekleed (9en +Februari). In zijne verwaande verblindheid zond het de boodschap terug; +alleen Lebeau, de beroemde liberale redenaar, zag klaar in de diplomatische +sluwheid van Frankrijk, en maakte er 't Diplomatisch Comiteit een verwijt +van, zich te hebben laten bedotten. + +Onder de Parijsche ministers waren er verschillende nochtans, die tot de +aanvaarding overhelden, en Louis-Philippe's oudste zoon ondersteunde +krachtdadig hunne meening; maar Frankrijk lag gekluisterd door de +noodwendigheid van den vrede en door de besluiten van de Conferentie. Reeds +den 14en wist men te Brussel dat Louis-Philippe weigeren moest, en voor de +leden van de deputatie was het antwoord niet twijfelachtig meer. Wanneer +den 17en Surlet de Chokier en zijne gezellen voor den koning gebracht +werden en het besluit van het Congres voorlazen, verklaarde Louis-Philippe +met geveinsde ontroering dat het hem smartte zijne vaderlijke wenschen te +moeten offeren aan Frankrijks belangen, die hem dwongen te weigeren; maar +hij verzekerde den nieuwen Staat zijne bescherming: de toer was gespeeld, +Leuchtenberg's candidatuur was gevallen! + +"Welk vertrouwen, schreef Palmerston dienaangaande, kan men in eene +regeering stellen, die met slinksche streken omgaat, zooals de raadgevers +van Louis-Philippe tegenover Belgie, welke hier eene zaak bevestigen en ze +elders loochenen; de goedkeuring van de verkiezing van Nemours door Bresson +beloven en dezelve door Talleyrand weigeren; hunne verklaringen en +beginselen veranderen, zoo dikwijls zij een tijdelijk voordeel ontwaren." + +Met woede en teleurstelling vernam gansch Belgie de schandelijke politiek +van Frankrijk. Vele afgevaardigden stelden dan de keus van een inlandschen +Vorst voor, Felix de Merode of de prins de Ligne; doch de eerste wees het +voorstel met kracht van de hand, de tweede moest, door toedoen zijner +vrouw, weigeren. Anderen dachten nu weder aan Leopold van Saksen-Coburg, +doch Sebastiani had bluffend verklaard, dat Frankrijk dien Engelschgezinden +prins, in geval van benoeming, met het kanon zou wegjagen. + +De Fransche partij wilde terstond de volkomen en onvoorwaardelijke +inlijving bij Frankrijk stemmen, en op deze wijze aldaar een uitbarsting +van het nationaal gevoel verwekken. De Orangisten, te Luik zelfs, eischten +den terugkeer van Koning Willem. De aanzienlijkste Congresleden, en +inzonderheid het Voorloopig Bewind, raadden alsdan het aanstellen van een +Regent aan, altijd in de hoop dat de Fransche politiek stoutmoediger zou +worden en Nemours, na zijne meerderjarigheid, krachtdadig en zelfstandig +zou optreden. + +De voorzitter van het Congres, Surlet de Chokier, werd den 24en Februari +tot Regent benoemd; De Gerlache verving hem op den voorzitterstoel; 's +anderendaags verleende het Congres eene som van 150,000 gulden aan de +oud-leden van het Voorloopig Bewind. + +Als een echt proconsul van Frankrijk, werkte de zwakke Surlet uitsluitend +om een zuivere Fransche strekking aan de handelingen van zijne regeering te +geven, en daarin werd hij door zijn eerste ministerie -- Goblet, Van de +Wever, Gendebien en Tielemans -- bijgestaan. Hij was overtuigd dat hij +eerstdaags zijne plaats aan den hertog van Nemours zou kunnen afstaan, en +sedert Lehon door Louis-Philippe als gezant van Belgie ontvangen, en +generaal Belliard als Fransch gevolmachtigde te Brussel gezonden was(4en +Maart), won die overtuiging meer en meer veld. Maar de val van het +ministerie van den onbekwamen en weifelenden Lafitte en het optreden van +den krachtdadigen en vredelievenden Casimir Perier in Frankrijk stelde deze +hoop te leur; ook de Engelsche diplomatie hield er de hand aan om die +poging te verijdelen, en Palmerston, die in Chokier slechts een Franschen +stadhouder zag, aarzelde niet den Regent te doen inzien, hoe weinig eervol +die afkeer voor de Belgische onafhankelijkheid was. Wat zijn misnoegen en +dit der Conferentie tegen Chokier nog vermeerderde, was dezes proclamatie +van 10en Maart tot de Luksemburgers, waarin de Regent verklaarde dat, trots +de Conferentie, bij de Belgen de vaste wil bestond om het Groothertogdom te +behouden. + +Het bestuur van den Regent, een zeer braaf doch onbeduidend man, zonder +schranderheid noch krachtdadigheid, werd door de grootste regeeringloosheid +gekenmerkt; reeds den 20en Maart was het eerste ministerie gevallen, en het +duurde zes dagen eer een nieuw gevormd was. "De Belgen toonden zich zoo +onbekwaam om eene natie te worden, dat de Conferentie ernstig aan eene +verdeeling begon te denken." + +Ziende dat de Oranjepartij het hoofd opstak te Gent, te Antwerpen en te +Maastricht, stichtte Gendebien, den 23en Maart te Brussel, met behulp van +de regeering, de _Association Nationale_, gevaarlijke tweede regeering, die +hare vertakkingen over het land verspreidde en eene soort van schrikbewind +over Belgie deed heerschen. Zij riep om oorlog tegen Holland ten einde den +toestand te redden. Ontegensprekelijk dreigde de Omwenteling onder te gaan; +het schip begon reeds te kraken; Lord Ponsonby, de Engelsche gezant, +trachtte baron van der Smissen, gouverneur van Antwerpen, tot een +Orangistischen opstand te bewegen, die echter mislukte, dank zij de +krachtdadigheid van kolonel Clump (25en Maart 1831). De tuchteloosheid +dreigde de ontreddering van het leger te volledigen. + +Gent was het middelpunt der Orangisten; de oppositie had er reeds tweemaal +de Oranjegezinden als raadsleden naar het stadhuis gestuurd: de +gemeenteraad, tweemaal ontbonden, was sedert 4en Februari door eene +Veiligheidscommissie vervangen, en Gent, evenals Antwerpen, in staat van +beleg verklaard. "Alle tucht, zegt De Gerlache, was teniet, zoo wel bij de +militairen als bij de burgers. De officieren klaagden elkaar bij de +regeering en in de dagbladen aan. Men kan het niet betwijfelen dat vele, +zelfs hooggeplaatste lieden, volgaarne aan de restauratie der Nassaus +zouden geholpen hebben, om met dien toestand gedaan te maken. Maar het volk +was er zeer tegen." Inderdaad, oeconomische oorzaken en private belangen +hadden gemaakt dat de Orangisten voor het meerendeel grootnijveraars en +groothandelaars waren; de nieuwe mekanieken hadden eensdeels een +vermindering van handwerkgebruik en een uitwijking van buitenlieden naar de +steden teweeggebracht. Reeds lang had dit eene veete tusschen industrieelen +en werkvolk veroorzaakt, doch nu werd die nog verscherpt door het +stilvallen van getouwen en andere mekanieken wegens de onlusten en de +vredebreuk met Holland. Die werkloozen, ja broodloozen, vierden nu, 't zij +uit eigen beweging, 't zij opgehitst door de patriotische vereenigingen, +hunne woede bot op de bijzonderen, en zoo geschiedden er te Gent, Brussel, +Mechelen, Ieperen, Bergen en Luik, gewelddaden en plunderingen, +straffeloos, onder het lijdzame oog der regenties (28en Maart, zaak +Voortman te Gent). Er bestond tusschen het bestuur en de plunderaars, onder +welke zich talrijke betaalde of geld uitdeelende Franschen bevonden, een +soort van geheime overeenkomst. Voor de oppositie of de verdachten was er +geene bescherming; men hoorde zelfs minister Lebeau beweren, dat de +plundering der Orangisten, hoe betreurenswaardig ook, een schrikkelijke +noodzakelijkheid was om de vijanden van de openbare orde te beteugelen. Het +redactiekantoor van de Orangistische bladen werd dan ook geplunderd, en +B^on de Lamberts, gouverneur van Oost-Vlaanderen, aarzelde niet om een +anarchistisch manifest te onderteekenen, door Lebeau zelf als monsterachtig +bestempeld, waardoor hij den _Messager de Gand_ buiten de wet stelde. + +Aan den anderen kant zien wij de Fransche annexatiepartij, die steeds in +aanraking was met den woelgeest L. de Potter, republikeinsche opstooten +trachten te verwekken, onder andere de muitzieke Mellinet met zijne +vrijwilligers te Namen, doch zonder de medewerking der ontmoedigde +burgerij. + +Het zij hier terloops opgemerkt dat, evenals zijn wapenmakker der +Septemberdagen, don Juan van Halen, die, in October 1830 aangehouden, reeds +de volgende maand in beschikbaarheid gesteld was, Mellinet in Augustus op +wachtgeld geplaatst werd; Ernest Gregoire zat opgesloten en Parent, De +Culhat en De Pontecoulant waren haast vergeten. De _Association Nationale_, +die met bombast den oorlog en de verovering van Zeeuwsch-Vlaanderen en van +Luksemburg eischte, stuitte, in hare revolutionnaire woede, op de algemeene +zucht naar vrede en naar herstelling van orde, handel en nijverheid. +Vreezende nochtans, dat die tweede regeering de overhand zou nemen, gezien +de zwakheid van Surlet's bestuur, en onzeker over den uitslag der +verkiezingen, die wellicht de Orangisten in meerderheid naar de Kamers +konden zenden, weigerden de Congresleden hun ontslag te nemen, en besloten +zich in Mei opnieuw te vereenigen; zoo pleegden zij een wezenlijken +Staatsgreep (12en April). + +Maar, was het tweede ministerie van den Regent even machteloos en zonder +gezag als het eerste, het draagt nochtans de verdienste weg, het Congres +tot toenadering met de Londensche Conferentie overgehaald te hebben, en +Belgie een uitstekenden Koning geschonken te hebben. Minister Lebeau, een +knap redenaar en een behendig politicus, had, op 2en April, aan het Congres +laten inzien dat de diplomatische onderhandelingen, van het eerste +oogenblik, Belgie tegenover de Mogendheden gebonden hadden, en men dus de +tusschenkomst van de Conferentie in de buitenlandsche zaken moest +ondergaan. Aangespoord door Lord Palmerston en diens agent Lord Ponsonby, +die de candidatuur van den Prins van Oranje bepaald opgegeven had, stuurde +hij een deputatie van vier Congresleden naar Londen, bij prins Leopold van +Saksen-Coburg, den veertigjarigen weduwnaar der kroonprinses van Engeland, +om hem de Belgische kroon aan te bieden; tusschen de afgevaardigden +bevonden zich de hoofdman der katholieken, F. de Merode en pastoor De +Foere, die in 't Congres verzekerd hadden dat de keuze van eenen +protestantschen prins, gezien de bepalingen der Grondwet, hen niet deerde. +Den 22en April te Marlborough-House ontvangen, ontmoetten die +afgevaardigden zulke tegenwerpingen van wege den prins, dat Paul Devaux ze +op 10en Mei kwam vervoegen. Onderricht door zijne ervaringen tijdens de +onderhandelingen voor de Grieksche koningskroon, en geraden door zijnen +vriend baron Stockmar, stelde de voorzichtige Leopold de aanvaarding der +kroon afhankelijk van de overeenkomst van Belgie met de Mogendheden; hij +eischte dat men te Brussel vooreerst uitdrukkelijk het protocol van de +Conferentie van den 20en Januari zou aanvaarden, mits zich later, bij de +uitvoering, om betere voorwaarden te beijveren. + +De Belgische afgevaardigden deden inzien, dat het Congres nooit in den +afstand der in de Grondwet vermelde provincien Limburg en Luksemburg zou +toestemmen, doch lieten voorzien dat Leopold, als koning, een voldoenden +invloed op de Kamers voor de oplossing van dit vraagstuk zou bezeten +hebben. Van eene onzekere kroon wilde de ervaren Leopold echter niet weten. + +Middelerwijl worstelde het ministerie van den Regent tegen de inwendige +anarchie en vreesde de ophitsing tot den oorlog met het buitenland. De +Conferentie van Londen stelde aan de Belgische regeering den 1en Juni als +termijn voor de aanneming van het protocol, den 18en Februari door koning +Willem onderteekend, en dreigde met vredebreuk in geval van weigering. De +Nederlandsche Vorst verwittigde haar insgelijks dat, indien zij op +bepaalden datum tot de grondslagen der scheiding, volgens het protocol van +20en Januari niet zou toegetreden zijn, hij zich vrij zou achten om voor +eigen rekening te handelen. + +De oorlogspartij verhief dadelijk het hoofd op; uit vrees voor den krijg +ijlde Ponsonby naar Londen, en Belliard verwittigde Talleyrand, zoodat men +tot eenige toegeving aan de Belgen besloot, om Leopold's aanneming te +vergemakkelijken. Den 21en Mei beloofde dus de Conferentie onderhandelingen +met koning Willem aan te knoopen, om, mits een te bepalen koopsom, aan +Belgie het bezit van Luksemburg te verzekeren, maar men bleef aan den +gezetten termijn van 1en Juni vasthouden. + +In de hoop dat de koningskeus een gunstigen invloed op de beslissingen van +de gevolmachtigden zou uitoefenen, besloot Lebeau, eerst tot de verkiezing +over te gaan. Hij deed dus, den 25en Mei, door 96 Congresleden de +candidatuur van Leopold voordragen; en ondanks de pogingen van de Fransche +partij om de verkiezing van den Duitsch-Engelschen prins te doen mislukken, +niettegenstaande hare razende aanvallen om het ministerie Lebeau omver te +werpen, werd de prins van Saksen-Coburg, na een tweedaagsche discussie, met +de groote meerderheid van 152 op 196 stemmen gekozen (4en Juni): aan de +Conferentie werd niet eens geantwoord. Een deputatie van 12 leden, met De +Gerlache aan het hoofd, werd belast die benoeming aan den prins aan te +kondigen; haar vergezelden Devaux en Nothomb, secretaris-generaal voor de +buitenlandsche zaken, om de Conferentie tot gunstige voorwaarden over te +halen. + + * * * * * + +De weigering der Belgen, om hunne aanspraken eenigermate te verminderen, +deed een oogenblik de hoop op eene vreedzame oplossing verliezen. +Talleyrand, door die halsstarrigheid ongeduldig gemaakt, kwam alweer met +zijn plan van verdeeling voor den dag; terwijl Leopold, door het Engelsche +Hof en Palmerston ondersteund, zich onverpoosd bemoeide om voor Belgie +aannemelijke voorwaarden te verkrijgen, zette Koning Willem onophoudend +zijne oorlogstoebereidselen voort; hij vroeg niets beter dan de afvalligen +de scherpte van zijn zwaard te doen gevoelen en gaf dus, den 22en Juni, aan +de Conferentie nogmaals te kennen, dat, indien de gevolmachtigden, ondanks +hunne stellig genomen verbintenissen, nalieten middelen aan te wenden om +het protocol van 20en-27en Januari door Belgie te doen eerbiedigen, hij +verplicht zou zijn, zijn toevlucht tot zijn eigen middelen te nemen. Op die +bedekte oorlogsverklaring antwoordde de Conferentie met den 26en Juni een +protocol van XVIII Artikelen op te stellen, dat een voor Belgie veel +voordeeliger ontwerp van verdrag dan dit van 20en Januari uitmaakte. Wel +bleven voor Holland de grenzen van 1790 behouden, maar de volgende +artikelen openden aan de Belgen het vooruitzicht, eens in het bezit van +Maastricht te geraken, en bij de ruiling der ingesloten gronden nog een +grooter gedeelte van Limburg te bekomen. De linker Scheldeoever moesten zij +opgeven, doch het vrije gebruik van de Vaart van Terneuzen werd hun +toegezegd. Het vraagstuk van het Groothertogdom werd van het +Hollandsch-Belgisch geschil afgescheiden, om afzonderlijk door Willem, den +Duitschen Bond en den aanstaanden Vorst van Belgie, afgehandeld te worden; +intusschen zou Luksemburg door Belgie voort bestuurd worden. Ook in plaats +van de schulden te verdeelen, legde men aan elk land zijn eigen +oorspronkelijke schuld op, met uitsluiting der gemeenschappelijk uitgegeven +sommen. De voordeelen, men ziet het, door de Belgische afgevaardigden en +door den prins van Saksen-Coburg van de gevolmachtigden verkregen, waren +van niet geringen aard. De Mogendheden schenen vergeten te hebben dat zij, +den 19en Februari en den 17en April, hunne schikkingen van 20en Januari als +_fondamenteel en onherroepelijk_ gevestigd hadden. + +Dan verklaarde Leopold aan de afvaardiging, die hij toen eerst wilde +ontvangen, dat hij de Belgische kroon zou aanvaarden, indien men door het +Congres dit verdrag der XVIII Artikelen kon doen aannemen. Lebeau aarzelde +niet: alhoewel hevig en hartstochtelijk bestreden door de Fransche +aanhechtingspartij, door de Orangisten, door de Republikeinen, en niet het +minst door de afgevaardigden van Limburg en Luksemburg -- de twee +provincies die gevaar liepen door het verdrag verbrokkeld te worden -- bood +hij de driftige en dreigende oppositie eenen kalmen en welsprekenden +tegenstand, en na negen dagen discussie, wist hij de meerderheid van het +Congres tot de aanneming van de XVIII Artikelen over te halen. Ondanks de +nieuwe kuiperijen van de Fransche propagandisten, die te Brussel en te Luik +een openlijken opstand tegen de Belgische regeering wilden inrichten, en de +Republikeinen, die te Gent en te Geeraardsbergen eene militaire +samenzwering op touw gezet hadden, werd, den 9en Juli, het Verdrag door 126 +tegen 70 stemmen aangenomen. + +Niets verzette zich meer tegen Leopold's toestemming. Hij verliet Londen +den 16en Juli, ontscheepte te Kales, werd plechtig aan de Belgische grens +ontvangen, vernachtte eerst te Veurne, dan te Gent, en kwam den 19en Juli, +onder het gejuich der bevolking, op het kasteel te Laken aan. Van de +grenzen af, was zijn reis een voortdurende feesttocht geweest, behalve te +Gent, waar hij zeer koel onthaald werd. Den 21en Juli werd de Vorst op het +verhoog, voor Sint-Jakobs op Koudenberg opgetimmerd, door den Regent en de +Congresleden ontvangen, en legde er, in de open lucht, den eed aan de +Grondwet af. Alzoo trad Belgie in de rij der Europeesche Staten, als een +erkende onafhankelijke natie. + + * * * * * + +Leopold's verkiezing was een triomf voor de Engelsche diplomatie. Maar de +scheiding van het schoone Rijk der Nederlanden was het niet minder voor de +Fransche politiek; wel is waar moest zij, tegen haar wil, de +onafhankelijkheid der Belgen erkennen, maar bij Talleyrand en bij vele +Franschen bleef de hoop op eene latere inlijving voortbestaan. + +[Figuur: Inhuldiging van Leopold I als Koning der Belgen te Brussel +(21 Juli 1831)] + +De sluwe Fransche gezant had reeds in April bij protocol de slechting +bekomen van de Belgische vestingen, door de Sainte Alliance in 1815 op onze +zuidelijke grenzen opgericht. Intusschen verkreeg hij van de Mogendheden, +op 14en Juli, dat dit protocol zou ruchtbaar gemaakt worden. Twee dagen na +Leopold's inhuldiging, verhaastte zich dan ook koning Louis-Philippe, bij +de opening der Kamers, die ontmanteling op hoogen toon aan het Fransche +volk mede te deelen: Belgie was alzoo feitelijk onder Frankrijks +suzereiniteit geplaatst; men zou het dadelijk zien. + +Terecht gebelgd over de snoode wispelturigheid van de Conferentie, die door +hem opgeroepen, hem eerst van de helft van zijn Koninkrijk beroofd had, en +hem nu in zijne rechten krenkte, weigerde Willem I met fierheid het Verdrag +der XVIII Artikelen te onderteekenen, en verklaarde dat hij de aanvaarding +van de Belgische koningskroon door den prins van Coburg als eene +persoonlijke beleediging aanzag (12en Juli). Veertien dagen later kondigde +hij de Conferentie aan dat hij beslist was zijn onderhandelingen door +oorlogsmiddelen kracht bij te zetten; hij wilde, veeleer dan Belgie te +heroveren, door de herstelling van de faam zijner wapenen, de gunstiger +voorwaarden van den 20en Januari van de Conferentie bekomen. + +Den 2en Augustus, gedurende zijne feestelijke ontvangst te Luik, vernam +Leopold dat generaal Chasse, te Antwerpen, het einde van den wapenstilstand +afgekondigd had, en dat 38,000 man met 72 kanonnen onder den prins van +Oranje over de Belgische grens getrokken waren. De nieuwe Vorst, die zich +met eigen oogen een denkbeeld had kunnen vormen van den ellendigen staat en +de geringe getalsterkte van het Belgisch leger, verre van zich door den +verwaanden toon der Belgische dagbladen te laten begoochelen, stuurde +onmiddellijk, op raad van Lebeau, boden naar de gezanten Lehon te Parijs en +Van de Weyer te Londen, ten einde de dadelijke hulp van de Fransche en van +de Engelsche regeering af te smeeken, en deed den 4en door den +ministerraad, niettegenstaande artikel 121, dat zulks verbood, aan +Frankrijk vragen een hulpleger naar Belgie af te zenden. + +Het verraste Engelsche ministerie was woedend, doch zijne dreigementen +baatten niet; de Conferentie, die den wapenstilstand gewaarborgd had, was +onthutst; de Fransche regeering jubelde over de noodwendigheid harer +tusschenkomst. + +Dadelijk werd maarschalk Gerard aan het hoofd van het leger van het +Noorden geplaatst en begon zijn opmarsen, doch gezien het lichtgeraakte +eergevoel van de Belgische troepen, die in hunnen overmoed "geene +vernedering" wilden dulden, verwittigde de ministerraad den maarschalk, dat +de bevelen van den koning noodzakelijk den intocht van de Franschen in +Belgie moesten voorafgaan; gelukkiglijk voor het pasgeboren koninkrijk +hield deze daar geen rekening mede. + +Het Belgische leger, in twee hoofdafdeelingen gesplitst, trachtte +intusschen den voortgang van Oranje's leger te stuiten. De onbekwame +generaal Daine voerde het bevel over het slecht uitgeruste en tuchtlooze +Maasleger, slechts 10,000 man sterk; Leopold bevond zich in het +Scheldeleger, aangevoerd door baron de Tiecken de Terhove met 17,000 man; +beide legers trachtten zich te vereenigen, maar Oranje besloot dit te +verijdelen door zich tusschen beide in te schuiven, en slaagde er in door +de inneming van Diest. Nu viel hij den 8en Augustus Daine bij Hasselt aan, +en dreef zijn gansche leger zonder vechten op de vlucht. Daarna trok hij op +Westmeerbeek af, waar Leopold[26] en Tiecken gelegerd waren; dezen, bij het +vernemen van Daine's nederlaag en vreezende afgesneden te worden, trokken +achteruit, en namen plaats op den weg van Leuven naar Tienen; weldra werden +ze achteruitgeworpen en achtervolgd door den dapperen Oranje, wiens +luitenant Bernard van Saksen-Weimar intusschen den steenweg van Leuven naar +Brussel, in den rug van het Belgisch leger bezette. + +Het Scheldeleger ging hetzelfde lot ondergaan als het Maasleger, en de +koning te Leuven ingesloten worden, toen, dank zij de tusschenkomst van sir +Robert Adair, den Engelschen gezant te Brussel, de prins van Oranje de +belofte gaf dien dag Leuven niet te bestormen, indien men zich 's +anderendaags 's middags wilde overgeven. De Belgische troepen maakten van +dien wapenstilstand gebruik om langs den straatweg van Leuven naar Mechelen +te vluchten; zonder de koelbloedigheid en de dapperheid van Koning Leopold, +die de hoofdstad trachtte te dekken, ware de nederlaag in eene ware ramp +veranderd (12en Augustus), 's Anderendaags deed de prins van Oranje zijne +intrede te Leuven. De overwinning van het Nederlandsche leger was volkomen, +de Tiendaagsche Veldtocht had de eer der Hollandsche wapens gered. + +Te Brussel, van waar Oranje slechts twee uur verwijderd was, heerschte de +grootste verwarring en was de burgerij tot de overgave bereid. Het jonge +koninkrijk was reddeloos verloren, indien het Fransch leger, op dit +oogenblik, niet opgedaagd was. + +Toen den 9en Augustus generaal Belliard, wien gelast was geweest met Chasse +te onderhandelen om eene nieuwe beschieting aan Antwerpen te vermijden, de +vlucht van Daine's leger vernomen had, zond hij, uit eigen beweging en +zonder Leopold te raadplegen, een koerier naar maarschalk Gerard, om dezen +tot eenen snellen opmarsen aan te sporen. Den 10en rukte het Fransche leger +over de grens en bereikte Waver den 12en, zoodat koning Willem, woedend +over de snoode handelwijze van Frankrijk, dat het principe van +Niet-Tusschenkomen verloochende, in zijne onmacht aan den prins van Oranje +het bevel gaf, voor Frankrijks troepen te wijken. Den 13en stonden Gerard's +voorposten voor de Hollandsche afdeelingen; alsdan sloot Oranje met +Belliard een overeenkomst, waarbij zijn leger over de grens terugtrok. + +Belgie zou hare nederlaag duur bekoopen. Reeds den 11en had Talleyrand, de +verklaarde vijand onzer onafhankelijkheid, zich op de Conferentie van +Londen heftig over de Belgen uitgelaten: "Leopold was een armzalig wezen en +de Belgen een troep vagebonden, de onafhankelijkheid onwaardig; Belgie kon +niet zelfstandig blijven bestaan en het te verdeelen was de eenige +mogelijke oplossing." + +Palmerston beantwoordde, den 15en Augustus, die onverdraaglijke en sluwe +taal met een _ultimatum_ aan Frankrijk om dadelijk zijne troepen uit Belgie +terug te trekken. Louis-Philippe riep terstond 20,000 man terug, maar +stelde als voorwaarde der geheele ontruiming, dat maarschalk Gerard de +geheele slechting van de zuidelijke vestingen zou voltrekken. Palmerston +liet bedreigingen hooren, en Frankrijk, op verzoek van Leopold, liet +slechts 12,000 Fransche soldaten hier, om aan de herinrichting van het +Belgische leger te werken. Het was slechts den 30en September 1831 dat de +laatste vreemde troepen onze grenzen verlieten, drie weken nadat Leopold +zich, in overleg met de vier Mogendheden, verbonden had om maatregelen te +nemen voor de spoedige ontmanteling van Meenen, Doornik, Ath, Bergen en +Charleroi. + +Inmiddels had de Conferentie, gedurende de onderhandelingen te Londen, +opnieuw rechtsomkeert gemaakt; met dezelfde vaardigheid waarmede zij +vroeger het protocol van 20en Januari had laten gaan, verloochende zij nu +het verdrag der XVIII Artikelen. Europa toonde zich hard voor de +overwonnenen: het nieuwe Tractaat der XXIV Artikelen, ondanks de +bemoeiingen van Van de Weyer en het verlangen van Louis-Philippe, behelsde +veel erger bepalingen dan het eerste, dit door toedoen van Engeland en van +de Oostelijke Mogendheden. + +Belgie moest Maastricht laten varen, benevens het Oostelijk gedeelte van +Limburg over de Maas, en het Noord-Westelijk, met Roermond en Venloo. Het +Groothertogdom Luksemburg werd ten persoonlijken titel aan Willem I +geschonken, doch Belgie behield het Waalschsprekend gedeelte, mitsgaders +een klein Duitschsprekend strookje, van Aarlen tot Vieil-Salm. Wel werd de +vrije vaart van de Schelde naar den Rijn verzekerd, maar de scheepvaart op +de Schelde zelf werd aan zekere tollen onderworpen. Wat de schulden van het +vroegere Vereenigde Koninkrijk betrof, Belgie zou er de helft van dragen +met bovendien nog de schulden van voor de vereeniging, te zamen beloopende +eene jaarlijksche rente van 8.400.000 gulden: dit heette te zijn het +beslissend en onwederroepelijk besluit der Mogendheden (14en October). + +Het was met groot misnoegen dat het Fransch ministerie kennis kreeg van die +vergrooting van grondgebied aan Holland toegestaan; doch in Belgie werd het +verdrag der XXIV Artikelen met eene echte woede ontvangen. He Kamers +verzetten zich tegen deze harde voorwaarden. Maar, wel wetende hoe +gevaarlijk het was aan Europa weerstand te bieden en vreezende koning +Leopold tot den afstand te dwingen, onderwierpen zij zich eindelijk: de +Kamer der volksvertegenwoordigers den 1en November met 59 stemmen tegen 38, +en de Senaat den 3en November met 35 tegen 8. + +[Figuur: Leopold I] + +Van de Weyer bracht het toestemmend antwoord aan de Conferentie over, en +den 15en November werd het Verdrag bekrachtigd. Om Belgie voor deze houding +te beloonen, waarborgden de vijf Mogendheden aan Koning Leopold de +uitvoering van al de artikelen, en beloofden hem den vrede en hunne +oprechte vriendschap: dat was de erkenning van het Belgisch koningdom. +Intusschen weigerde Holland het Verdrag bij te treden, dat dadelijk door +Koning Leopold, Louis-Philippe en Willem IV van Engeland onderteekend werd; +Oostenrijk en Rusland, die nochtans de erkenning van het koninkrijk Belgie +betreurden, en ook eindelijk Pruisen traden de XXIV Artikelen bij +(Januari-Maart 1832). + + * * * * * + +De Belgen konden nu den vrede verhopen; maar eenerzijds dreigde de strijd +met Holland opnieuw te beginnen, anderzijds ontstonden moeielijkheden +nopens de ontmanteling van de zuidelijke grenssteden. Immers, men had op de +Conferentie de slechting van de sterkten Charleroi en Doornik vervangen +door die van Mariembourg en Philippeville (14en December). Frankrijk, dat +nog altijd zijne hoop niet opgegeven had om deze twee laatste steden te +verkrijgen, teekende hiertegen verzet aan. Louis-Philippe dreigde zelfs het +traktaat van 15en November niet goed te keuren en oefende op Koning Leopold +eene echte drukking uit; ook Talleyrand gaf zich veel, maar vergeefsche +moeite, om Frankrijks eigenliefde te vrijwaren. Eindelijk stelde Leopold, +die uit alle krachten Frankrijk zocht te bevredigen, met goedkeuring van +Louis-Philippe, eene verklarende nota aan de Conferentie voor, die door de +gevolmachtigden der vier andere Mogendheden aangenomen werd: haar +hoofdinhoud luidde dat de bepalingen der overeenkomst van 14en December +1831, aangaande de daar vermelde vestingen, geen inbreuk mochten maken op +de volle souvereiniteit van den Koning van Belgie en de onafhankelijkheid +van dit land (23en Januari 1832). + +Indien Leopold zijne genegenheid voor Frankrijk gedurende deze +onderhandelingen niet verborgen had, was het dat hij een nog inniger +verbond met dit land wenschte: namelijk zijn huwelijk met een der dochters +van Louis-Philippe. Hier ook waren hinderpalen uit den weg te ruimen: +vooreerst de weinige neiging van den Franschen Vorst voor die +echtverbintenis; ten tweede de vrees van Leopold om een oogenblik zijn Rijk +te verlaten. Toch kwam het tot een onderhoud met Louis-Philippe te +Compiegne den 28en Mei: den 9en Augustus huwde Leopold aldaar de +twintigjarige Louise-Marie van Orleans. + +Den 18en April 1832 hadden de Oostelijke machten, die vruchteloos Koning +Willem tot de onderteekening van het Verdrag der XXIV Artikelen aangemaand +hadden, eindelijk moede van vragen, hunne bekrachtiging tegen Belgies +aanvaarding bij Van de Weyer te Londen gewisseld. De Nederlandsche Vorst +antwoordde met een nieuw en krachtdadig protest, en hield voort bijna +100,000 man onder de wapens. Die uitdagende houding van Holland, een gevolg +van den goeden uitslag van den Tiendaagschen Veldtocht, verplichtte Koning +Leopold voortdurend aan de herinrichting van het Belgische leger te werken; +door generaal Belliard, die als een soort van opperbevelhebber der troepen +optrad, en talrijke andere Fransche officieren bijgestaan, bereidde hij +zich tot het afslaan van eenen nieuwen aanval voor; en alhoewel het +onderhoud van de troepen, die de krijgsbegrooting op onrustwekkende wijze +deed stijgen, 's lands middelen uitputte, zette hij zijne +krijgstoebereidselen onverpoosd voort. + +Intusschen had de koppigheid van Willem de Conferentie ongeduldig gemaakt, +en in Juli sprak Palmerston reeds aan Van Zuylen, Falck's opvolger te +Londen, van dwangmiddelen te gebruiken jegens zijnen meester, die +voortdurend weigerde Antwerpen en de Scheldeforten over te leveren. Door +toedoen van Stockmar werd zelfs gepoogd om het vraagstuk van Antwerpen door +eene Belgisch-Hollandsche conferentie op te lossen; doch vruchteloos. De +Conferentie drukte alsdan haar misnoegen aan den Nederlandschen Koning uit; +Frankrijk en Engeland stelden een gewapende tusschenkomst voor, maar de +Oostelijke machten deelden geenszins in die zienswijze. Na eenige +bedenkingen omtrent het gevaar van een tweeden Franschen inval in Belgie, +teekende Palmerston met Talleyrand de akte van 22en October 1832, waarbij +de twee regeeringen zich met de uitvoering van het Verdrag der XXIV +Artikelen gelastten; Koning Willem kreeg tot den 2en November om Antwerpen +te ontruimen, zoo niet zou men al de Hollandsche schepen kapen die men kon +aanklampen, en een Fransch leger voor de citadel van Antwerpen sturen. +Uitdrukkelijk werd er bijgevoegd dat de tusschenkomst der Franschen door +Koning Leopold moest worden ingeroepen en dat zij, dadelijk na Antwerpens +inneming, Belgie moesten verlaten. Pruisen en Rusland trokken zich daarop +uit de Conferentie terug, zonder dat de twee Westelijke machten zich daar +verder om bekreunden. + +Willem's regeering antwoordde moedig, den 2en November, dat zij Antwerpen +zou verdedigen. Daarop werd beslag gelegd op de Hollandsche schepen, die in +de havens van Frankrijk en Engeland geankerd lagen, en de Engelsche en +Fransche vloot aan de Duinen bijeengekomen, stevenden naar de kusten van +Holland. Doch niets kon den trots van den Nederlandschen Vorst doen buigen. + +Dan vroeg generaal Goblet, minister van oorlog, de hulp van het Fransche +leger om Belgie door de Hollanders te doen ontruimen (9en November). Den +volgenden dag werd eene voor de Belgische troepen zeer vernederende +overeenkomst gesloten; deze zouden aan het beleg geen deel nemen, al de +posten rondom Antwerpen zouden aan de Franschen overgelaten worden, en een +garnizoen van ten hoogste 6000 man mocht onzijdig in die stad verblijven; +ook verwekte die conventie hartstochtelijke besprekingen in de Kamers. + +Den 15en November 1832 trokken Gerard en de hertog van Orleans de grens +over, met een leger van 60,000 man en een aanzienlijke massa grof geschut; +den 4en December begon de beschieting van de citadel van Antwerpen. Chasse +had verklaard dat hij zich slechts zou overgeven, na al zijn middelen van +verdediging uitgeput te hebben; hij hield woord. Slechts na een geweldig +bombardement, dat zijn vestingen in gruis gelegd en meer dan duizend der +4,500 verdedigers gedood had, deed Chasse de witte vlag hijschen; liever +dan zich over te geven, liet Koopman, bevelhebber van twaalf +kanonneerbooten op de Schelde, deze zinken. Zelfs de vijand stond in +bewondering voor de heldhaftige verdediging van die koene krijgers (23en +December 1832). Daar nu Koning Willem in de ontruiming van de verdere +forten van Lillo en Liefkenshoek nog niet wilde toestemmen, werd de dappere +generaal met het garnizoen, als krijgsgevangenen naar Frankrijk gestuurd. +Het Fransche leger kreeg overigens, dadelijk na den val van Antwerpen, het +bevel om naar Frankrijk terug te keeren, en leverde de citadel aan de +Belgische troepen over. + +Holland, door de blokkade van zijne kusten zeer benadeeligd, werd weldra +genoodzaakt met Engeland en Frankrijk te onderhandelen: door bemiddeling +van Pruisen, werd tusschen de drie regeeringen eene voorloopige +overeenkomst gesloten, die de vijandelijkheden deed staken; aan Willem werd +de belofte opgelegd, Belgie niet meer aan te vallen; en Schelde en Maas +werden vrij verklaard tot de opstelling van een bepaald verdrag (21en Mei +1833). De schikkingen, betrekkelijk de vaart op de Maas, werden omstandig +geregeld door de Conventie van Zonhoven, den 18en November daaropvolgende, +tusschen Bernhard van Saksen-Weimar en generaal Dibbits eenerzijds en +generaal baron Hurel anderzijds gesloten: dit was de eerste akte die +tusschen Belgie en Holland opgemaakt is. Met dezen voorloopigen toestand +hadden de Mogendheden vrede, en daar Koning Willem zelf weinig geneigd +scheen om er van af te wijken, ging de Conferentie van Londen in November +uiteen, zonder aan haar werk de volkomen bekrachtiging te hebben kunnen +bijzetten. + +Alzoo ging, gedurende de vijf volgende jaren, het jonge Koninkrijk Belgie +zijnen weg en beijverde zich, door het heropbeuren van den kwijnenden +handel en de stil liggende nijverheid, door het aanleggen van spoorwegen +(op voorstel van minister Rogier), door het uitvoeren van openbare werken, +om den welstand in de provincien te doen terugkeeren. Daar de Koning van +Holland het verdrag der XXIV Artikelen weigerde te onderteekenen, betaalde +Belgie de jaarlijksche rente niet, en behield Limburg en Luksemburg, +waarvan de afgevaardigden te Brussel in de Kamers zetelden en welke door +Belgische ambtenaren bestuurd werden. + +Zoo sleepte de toestand voort, toen plots Koning Willem den 14en Maart +1838, tot de aanvaarding van het Verdrag van 1831 besloot; dit besluit +baarde de grootste verrassing en verslagenheid te Brussel. De Kamers waren +het tooneel van de hartstochtelijkste debatten; de met afstand bedreigde +inwoners teekenden hevig verzet aan; men wilde van geene scheiding weten. +Maar noch Palmerston, noch het kabinet van Louis-Philippe wilden de Belgen +in hunne "dwaze pogingen" ondersteunen. Vruchteloos bood Leopold 60.000.000 +frank aan Holland, in vergoeding voor de gedeelten van Limburg en +Luksemburg. De Conferentie bleef onverbiddelijk; nauwelijks gelukte het aan +De Theux, minister van buitenlandsche zaken, enkele verzachtingen op eenige +bepalingen te verkrijgen, namelijk omtrent de verdeeling van de schuld, die +voor Belgie tot eene jaarlijksche rente van vijf millioen gulden verminderd +werd. + +Nog wilde de openbare meening in Belgie niet toegeven: de regeering van +Leopold werd door de Limburgsche en Luksemburgsche volksvertegenwoordigers +heftig aangevallen; uit Parijs, waar hij zich sedert jaren teruggetrokken +had, stookte L. de Potter het vuur aan. Alsdan riepen de misnoegde +Mogendheden hunne gezanten terug; ook de geweldige handelscrisis deed den +strijdlust der Belgen weldra koelen. De stormachtige zittingen van de +Kamers, waarin soms het publiek der tribunen tusschenkwam, namen ten slotte +een einde. 't Is bij zijne ontkennende stemming over het voorstel, dat +Gendebien zijnen beruchten uitroep deed: "Ik stem neen! 380.000 maal neen! +voor de 380.000 Belgen die gij aan de vrees opoffert!" Den 19en Maart 1839 +stemden de Kamer der Volksvertegenwoordigers en eene week later de Senaat +goedkeurend over het Verdrag van Londen. Het werd aldaar, den 19en April +1839, onderteekend door Belgie, Holland, den Duitschen Bond en de vijf +groote Mogendheden. + +In Holland zelf had intusschen de Vorst, dien men vroeger "Vader Willem" +noemde, geheel en al zijne populariteit verloren. Hij kon het wel zien, +toen den 20en December 1839 zijn voorstel om 56 millioen te ontleenen tot +het dekken der schuld, benevens het ontwerp van begroeting, verworpen +werd; de oppositie eischte eene grondwetsherziening en bekwam de zoo lang +gevraagde ministerieele verantwoordelijkheid (6en September 1840). En +wanneer de oude Koning zijn inzicht te kennen gaf, met de Belgische +katholieke gravin d'Oultremont in het huwelijk te treden, ging zulk een +geschreeuw in het land op, dat hij van de kroon afstand deed (7en October +1840), en met zijne gemalin en zijn overgroot fortuin naar Berlijn trok, +waar hij drie jaar later overleed. + +Met zijnen opvolger, Willem II, den prins van Oranje, sloot Belgie, den 5en +November 1842, het eindverdrag, dat alle moeielijkheden aangaande de +grenzen, de scheepvaart en de schuldverdeeling vereffende. + + +Besluit + +Veroorzaakt door het slecht beleid van de Hollandsche regeering, aangevuurd +door de kuiperijen van de Fransche clubs in Belgie, mogelijk gemaakt door +het verbond der geestelijkheid met de vrijzinnigen, bekrachtigd door den +naijver en de hebzucht van Engeland en Frankrijk, is de Belgische +Omwenteling in hare gevolgen op zeer verschillende wijzen beoordeeld +geworden. + +Ondanks de veroordeeling der Belgische Grondwet door Paus Gregorius XVI, +die de vrijheid van geweten "een pest en een geestverwarring" en die van +drukpers "eene verderfelijke ongeregeldheid" noemde (15en Augustus 1832), +trachtten de katholieken voor zich zelven, met volle handen, het rijkste +gewin uit de onbeperkte grondwettelijke vrijheden te putten; onafhankelijk +van alle tusschenkomst van den Staat en toch door hem bezoldigd, +bemachtigde de geestelijkheid alras het lager onderwijs door de stichting +van vrije scholen, en oefende een feitelijk gezag zelfs op de Staatsscholen +uit; het platteland werd door de priesters volkomen beheerscht, en men +weet, door talrijke tot het Congres gerichte protestaties, dat zij de +verkiezingen voor de gemeenteraden in persoon bestuurden. De clericale +partij vond dus in de gevolgen van de Omwenteling voordeelen die zij nooit +te voren had mogen droomen: ook behooren de eersten die de Revolutie in +hunne schriften verdedigden, Robiano de Borsbeek (1832), Nothomb (1833) en +De Gerlache (1839) tot de katholieke partij. + +Robiano de Borsbeek, de agent der Jezuieten -- die, naar men beweerde, in +November 1829 ineens 80,000 frank van die orde ontvangen had om de +geestelijkheid tegen Koning Willem op te jagen -- na de wijze uiteengezet +te hebben waarop de katholieken, uit de door de Grondwet gewaarborgde +vrijheden, voordeel kunnen trekken, roemt de Constitutie onvoorwaardelijk. + +Uit een liberaal standpunt noemt de groote liberale geschiedschrijver en +rechtsgeleerde Prof. F. Laurent de Omwenteling "de groote fopperij van +1830": en ontegensprekelijk zijn de Liberalen in hunne Unie met de +Katholieken gefopt geweest, zooals het reeds bleek door de schoolwet op het +lager onderwijs van 1842. + +Nog voor het afkondigen der Grondwet zag men de kloosters, waarvan Jozef +II, de Fransche Revolutie en Willem I ons verlost hadden, alom weer +oprijzen. De geestelijke orden van beider kunne maakten zich de +regeeringloosheid te nutte om in der haast in de Zuidelijke Nederlanden +neer te strijken. Veel liever dan in Frankrijk te blijven, waar de +Jacobijnen van de Clubregeering hun een onverzoenlijken oorlog aandeden, +kwamen de Jezuieten, die zoo krachtig de Revolutie geldelijk ondersteund +hadden, verder de Broeders der Christelijke Leering, de Kapucijnen en +andere monniken, mitsgaders talrijke nonnencongregaties, zich in ons land +vestigen; en sedert het midden van October werden de Vlaamsche gewesten +door een leger paters en nonnen van alle slag om zoo te zeggen overrompeld. +De wijsgeerige handelingen van L. de Potter en zijne vrienden, en de +liberale strekking van de hoogere geestelijkheid waren gelukkiglijk een +tegenwicht: anders zou de Belgische Omwenteling van 1830 eene tweede +verbeterde uitgave der clericale Brabantsche Omwenteling van 1789 zijn +geworden. + +Uit een sociaal-oeconomisch oogpunt was de Belgische Omwenteling, volgens +den geleerden staathuishoudkundige Emile de Laveleye een groote misgreep: +niemand zal betwisten dat de bestuurlijke scheiding tusschen Holland en +Belgie, door het behoud van eene gezamenlijke vloot en van de uitvoerhavens +naar de Oostindische kolonien, voor handel, nijverheid en maatschappij +voordeeliger zou geweest zijn, dan de volkomen scheuring der Nederlanden. +De telkens terugkeerende crisissen, die voor koop- en werklieden dadelijk +na de Septemberdagen begonnen, zijn er het rechtstreeksch bewijs van. + +Ook werd het Europeesch evenwicht er door geschokt, nu dat Frankrijk niet +meer in toom gehouden werd door het Koninkrijk der Nederlanden, zoodat +dezelfde Prof. E. de Laveleye de Belgische Omwenteling "eene misdaad tegen +de rust van Europa" heeft genoemd. + +Maar het is nutteloos zich over die daad te berouwen. Een volk mag zijn +tijd niet verspillen met het verleden te betreuren, het moet de toekomst in +de oogen kijken en manmoedig voorbereiden. Belgie heeft door zijn +werkdadigheid en vernuft bewezen, dat het recht had op de +onafhankelijkheid: vijf en zeventig jaar van stoffelijken vooruitgang, +vrede en rust hebben het afdoende betoogd. + +Maar voor ons, Vlamingen, heeft de Omwenteling gevolgen gehad, die wij +nooit mogen vergeten. Die zijn te wijten aan de partijdige houding +tegenover Vlaamsch-Belgie van de leiders der Omwenteling, die na October +1830 het bewind in handen gehad hebben. + +Immers, het Voorloopig Bewind, de twee ministeries van den Regent en de +ministeries die malkander tot in het midden van de regeering van Leopold I +opgevolgd zijn, hebben stelselmatig alles in 't werk gesteld om niet alleen +de stoffelijke, maar ook de geestelijke belangen van het Vlaamsche volk te +verwaarloozen ten voordeele van de Walen. + +Het gansche land door had de Omwenteling den onmiddellijken stilstand van +handel en nijverheid, de stremming van alle ondernemingen, de vermindering +van de waarde der eigendommen, en niet het minst het verlies van het +crediet na zich gesleept; vele fabrieken, die vroeger door Koning Willem +ondersteund werden of op het Nijverheidsfonds teerden, hadden hunne +arbeiders moeten afdanken: de werkloosheid werd zoo groot dat men de +arbeidersklasse tot het uitvoeren van openbare werken moest gebruiken. +Gent, Antwerpen, Oostende, die zulk een hoogen trap van bloei en welvaart +onder het Hollandsch bestuur bereikt hadden, zagen, de eerste hare +weefgetouwen en andere mekanieken stilvallen, de twee andere hunne +handelsvloot verhuizen of in hunne dokken verrotten. + +Vlaanderens oeconomisch verval in 't bijzonder was zoo openbaar, dat zelfs +Louis-Philippe er de aandacht van Talleyrand op vestigde. Welnu, in plaats +van Vlaamsch-Belgie uit dien hachelijken toestand te redden, lieten de +verschillende besturen, die sedert October 1830 elkander opvolgden, deze +vroeger zoo welige streek, uit voorliefde voor den Waal, volkomen +verkwijnen. + +Het door koning Willem gegraven kanaal van Terneuzen werd niet voltooid; de +haven van Oostende wachtte lang en vruchteloos naar verbetering; de +ontworpen vaarten in Vlaanderen en in de Kempen werden voor geruimen tijd +verdaagd. Terwijl het Walenland als in een net van Staatsspoorwegen +omwikkeld was, bleven West-Vlaanderen en Limburg er zonder; en de rijks- en +provinciestraten die tijdens het Hollandsch bewind zulke gunstige +uitbreiding genomen hadden, werden nauwelijks onderhouden. Aan het +Walenland werden de officieele toelagen voor allerlei openbare werken +kwistig uitgedeeld, maar Vlaamsch-Belgie en bepaaldelijk het Orangistische +Gent werden door de verfranschte bureaucraten te Brussel uit alle +gouvernementeele gunsten gesloten gehouden. + +Men kende slechts de Vlamingen als 't er op aankwam om te betalen; dank zij +een gebrekkige kadastrale verdeeling werden de Walen, in zake +grondbelasting, in verhouding tot de Vlamingen op de onrechtvaardigste +wijze, lange jaren, begunstigd; Julius Vuylsteke heeft in zijn _Korte +Statistieke Beschrijving van Belgie_ de schreeuwende wanverhouding +aangetoond in de verdeeling der belastingen ten opzichte van de Waalsche +provincies en het Vlaamsche platteland. Ook de visscherij aan de Noordzee +liet men doodkwijnen, daar de Walen, die in de achtereenvolgende +ministeries alles beheerschten, schenen te vergeten dat Belgie een +Vlaamsche zeekust bezat, die geen mindere schatten bevatte dan de Waalsche +mijnen. + +Doch deze verwaarloozing of ontkenning van de stoffelijke belangen van de +Vlamingen wordt nog in de schaduw gesteld, door de verdrukking van hunne +verstandelijke rechten. + +Voor 1830 was er een algemeen geschreeuw in de rangen van de oppositie +opgegaan, toen Willem zijne taalbesluiten afgekondigd had, en de +advocaten-journalisten van Luik en Brussel hadden de regeering verweten, +dat zij het Nederlandsch aan de Walen wilde opdringen: een onjuiste +bewering. Maar nu, door eene soort van reactie tegen het schrikmiddel dat +zij zelf gesmeed hadden, beproefden de Fransche en Waalsche leiders van de +Omwenteling, onze taal in Vlaamsch-Belgie uit te roeien. Durfde niet +Nothomb, in zijn berucht _Essai sur la Revolution Belge_(1834) -- eene +verdediging van het gedrag van de hoofden van de beweging -- de Vlamingen +aansporen "openlijk de Fransche taal aan te nemen?" Toonden zich niet de +Rogiers en hunne vrienden in alle omstandigheden de vijanden van de +Vlaamsche taal, en trachtten zij niet, op alle mogelijke wijzen, het +Fransch in Vlaamsch-Belgie te verspreiden? + +Den dag na zijne aanstelling, was de eerste daad van het Voorloopig Bewind +het Staatsblad uitsluitend in de Fransche taal op te stellen (5en October); +tien dagen nadien schafte zij de Vlaamsche Kamer af, die over de vonnissen +uit Limburg bij het Beroepshof van Luik uitspraak deed. Einde October werd +de Vlaamsche taal insgelijks uit het leger gebannen; bevelen en bestuur +zouden voortaan in het Fransch "als zijnde de in Belgie meest verspreide +taal" geschieden. Men vergete daarbij niet dat er in 1831 op 2700 +officieren nog geen 150 Belgen waren; de overige waren, tot Wellingtons +groote ergernis, door Leopold aangeworven Franschen, en zijn generale staf +bevatte 24 Franschen tegenover 4 Belgen. + +Den 16en November 1830 vaardigde het Voorloopig Bewind -- dat nochtans, +sedert de aanstelling van het Congres, van de wetgevende macht beroofd was +-- zijn berucht treurig Besluit uit, dat straffeloos onze taal versmaadde +en met de voeten trapte. + +"Overwegende, zeiden Rogier, Gendebien. Felix de Merode en Van de Weyer, +dat het Vlaamsch, door de inwoners van zekere plaatsen (?) gesproken, +verschilt van provincie tot provincie en soms van omschrijving tot +omschrijving, zoodat het onmogelijk zijn zou den tekst der wetten en +besluiten in die taal af te kondigen, zal het Fransch in Belgie de eenige +officieele taal zijn." Wel is waar werd het gebruik van het Nederlandsch +toegelaten, doch onder zulke voorwaarden, dat de aanwezigheid van een +Vlaamschonkundige onder de rechters, de Fransche taal aan een gansche +omschrijving opdrong. En in het bestuur zoowel als in het leger welk een +onrechtvaardige verhouding tusschen Vlamingen en Walen: bijna geen +Vlaamsche officieren, bijna geen Vlaamsche ambtenaren; dit was het gevolg +van de geweldige plaatskensjacht, waarmede de Walen hunne taalgenooten van +'t Voorloopig Bewind bestormd hadden. + +Onrechtvaardige taalbesluiten, onrechtvaardige verdeeling der ambten: voor +dezelfde grieven had de Waalsche oppositie het tot de Omwenteling gebracht, +en het Koninkrijk der Nederlanden vaneengescheurd; de gedweee Vlaming liet +maar alles lijdzaam gebeuren. + +De ministeries van Leopold zetten de kroon op dit hatelijk +verfranschingswerk met het Fransch als voertaal aan de overgebleven +officieele onderwijsgestichten op te dringen. Wij zeggen de nog +overgebleven gestichten: want in de eerste dagen der Omwenteling, die in +Vlaamsch-Belgie meestal een clericaal karakter had aangenomen, waren de +lagere officieele scholen door de geestelijkheid weggekuischt, met zulk een +wraaklust, dat de landkaarten van de muren werden gerukt, de leertoestellen +in een vreugdevuur verbrand, en dat de koperen gewichten van het metriek +stelsel naar de kinderen gegooid werden om er mee te spelen; de +gemeentebesturen sloten eenvoudig de colleges en wierpen de wereldlijke +leeraars buiten om ze door priesters te vervangen. In tien jaar tijds viel +de gemiddelde wedde der schoolmeesters van 300 op 210 frank; het getal +scholen viel van 4000 op 2000; en door de afschaffing der opzieners van 't +onderwijs verdween alle toezicht op de scholen. + +In October had het Voorloopig Bewind de drie Staatshoogescholen afgeschaft +en ze in de volgende maand heringericht, doch derwijze verminkt, dat de +twee voorbereidende faculteiten ontbraken. Na de inrichting van de +hoogeschool te Leuven door de Katholieken en die te Brussel door de +Liberalen (1834-1835), werd de regeering verplicht de twee +Staatshoogescholen te Gent en te Luik te herstellen; doch voor het +middelbaar en het lager onderwijs deed zij niets! Het onderwijs in +Vlaanderen, zonder programma, zonder toezicht van de openbare besturen, in +handen van eene in 't algemeen zeer weinig ontwikkelde geestelijkheid, +bleef gedurende jaren bijna nul: van daar weldra het ontzettend getal +ongeletterden in een streek die onder Willem's regeering zooveel beloofde! + +In de gestichten, die aan de ramp ontsnapt waren, voerde nu het hooger +bestuur het Fransch als voertaal in! Nevens de algemeene onwetendheid van +de bevolking schiep men aldus een kloof tusschen de verlichte standen en de +lagere volksklasse, hetgeen onberekenbare gevolgen moest hebben. + +Het doel scheen bereikt; reeds jubelden deze Franschgezinde meesters over +de uitroeiing van de taal van de groote meerderheid der bevolking. Doch, +daar ontstaat de Vlaamsche Beweging; de Vlaamsche Commissie legt de grieven +van de Vlaamsche bevolking bloot...... + +De volgende hoofdstukken zullen uitwijzen hoe het Vlaamsche volk, +niettegenstaande de Waalsche overheersching en dank zij zijn taaien moed en +de aanhoudendheid van de leiders onzer Beweging, op velerlei gebied aan de +ondergeschiktheid kon ontsnappen en zich voorbereidt om de geleden schade +in te halen. + +Noten: + +[Noot 26: S. Van de Weyer had aan Leopold op 6en Oogst het zeer +overdreven nieuws van een Belgischen opstand op Java geseind; de minister +van oorlog D'Hane aarzelde niet aan Lebeau te melden, dat de Belgische +troepen zich te Batavia van de regeering meester gemaakt hadden en een +bestuur ingericht in naam van het Belgische volk. De minister voegde erbij +dat het gansche eiland zich aan die regeering onderworpen had, en dat de +Koning hem uitnoodigde een agent naar Batavia te sturen.] + + +Bibliographie + +van de twee laatste hoofdstukken + +C. P. E. Robide van der Aa, _Catalogus van boekwerken en vlugschriften, +betreffende de woelingen in het zuidelijk gedeelte der Nederlanden_, 3 dln. +(Amsterdam, 1838-1840). -- a) OFFICIEELE AKTEN: _L'Union belge_ (Voorloopig +Bewind), 10 October 1830-3 Maart 1831 (Brussel); _Le Moniteur belge_ +(Brussel, sedert 16 Juni 1831); J. G. Verstolk van Soelen, _Recueil de +pieces diplomatiques relatives aux affaires de la Hollande et de la +Belgique en 1830-1832_, 3 dln. ('s Gravenhage, 1831-1833); E. Huyttens de +Terbecq, _Discussions du Congres National de Belgique_, 5 dln. (Brussel, +1844-1845); Lagemans, _Recueil des traites et conventions conclus par le +Royaume des Pays-Bas depuis 1813_, 10 dln. ('s Gravenhage, 1858-90). -- b) +DAGBLADEN: zie A. Warzee, _Essai historique et critique sur les journaux +belges_ (Gent, 1845). -- c) VLUGSCHRIFTEN: Ch. Froment, _Etudes sur la +Revolution belge_ (Gent, 1834); brochures van graaf van Hogendorp, S. Van +de Weyer en Libry-Bagnano, aangehaald door Nothomb. _Essai historique et +politique_ (blz. 39-40). -- d) BRIEVEN: J. R. Thorbecke, _Brieven_ 1830-32 +('s Gravenhage, 1873); G. K. van Hogendorp, _Brieven_, 4 dln. ('s +Gravenhage, 1866-67).-e) GEDENKSCHRIFTEN: Van der Duyn van Maasdam en Van +der Capellen, _Notices et Souvenirs biographiques_ (St Germain-en-Laye, +1852): J. Lebeau, L. de Potter, H. de Merode, zie hooger; K. Pletinckx, +_Souvenirs revolutionnaires_ (Brussel, 1857); A. J. Goblet d'Alviella, +_Memoires historiques_, 2 dln. (Brussel, 1864-65); A. L. Van der Meere, +_Memoires_ (Brussel, 1880); Prince de Talleyrand, _Memoires_, uitg. Duc de +Broglie, 5 dln. (Parijs, 1891); E. Bertin, _Journal intime de +Cuvillier-Fleury_, 2 dln. (Parijs, 1900-1902). -- f) LEVENSBERICHTEN: Th. +Juste, _Les Fondateurs de la monarchie belge_, onder dewelke ook Lord +Palmerston en B^on Stockmar, 22 dln. (Brussel, 1866-1878); L. Jottrand, +_Louis de Potter_ Brussel, 1860); E. Discailles, _Charles Rogier_, 4 dln. +(Brussel, 1892-1895); Mgr. G. Monchamp, _L'Eveque Van Bommel et la +Revolution belge_ (in _Bulletin de l'Academie de Belgique_, 1905); H. +Siccama, _Vie d'Antoine Falck_ ('s Gravenhage, 1860); B^on de Sirtema de +Grovestins, _Le Baron Robert Fagel_ ('s Gravenhage, 1857); H. von Gagern, +_Das Leben des Generals F. von Gagern_, 2 dln. (Leipzig, 1856-57); H. +Bulwer Lytton, _The Life of Palmerston_, 3 dln. (Londen, 1870). -- g) +GELIJKTIJDIGE SCHRIFTEN: Buiten Nothomb en De Gerlache hooger vermeld, W. +Grave van Bylandt, _Verhael van het oproer te Brussel_ ('s Gravenhage, +1831); Don Juan van Halen, _Les Quatre Journees_ (Brussel, 1831); M. de +Warguy, _Esquisses historiques de la Revolution en Belgique_ (Brussel, +1831); Kessels, _Precis des operations militaires durant les quatre +journees de septembre_ (Brussel, 1831); Ch. de Leutre, _Histoire de la +Revolution belge_, 3 dln. (Brussel, 1849). -- Ch. White, _The Belgian +Revolution_, 2 dln. (Londen, 1835); Ch. Lefebvre de Becourt, _La Belgique +et la Revolution de Juillet_ (Parijs, 1835); Ungewitter, _Geschichte der +Niederlande und der Belgischen Revolution_ (Leipzig, 1832). -- B^on de +Keverberg, _Du Royaume des Pays-Bas et de sa crise actuelle_, 2 dln. ('s +Gravenhage, 1835), zeer scherpe critiek op Nothomb's hoogervermeld _Essai +historique_ (1833); antwoord van Nothomb in het dagblad _L'Independant_ +(Februari-Maart 1835). -- Ad. Bartels, _Les Flandres et la Revolution +belge_ (Brussel, 1834); en _Documents historiques sur la Revolution belge_ +(Brussel, 1836). -- J. B. Van der Meulen, priester, _Willem, ingedrongen +koning der Nederlanden_, 2 dln. (Brussel, 1839). -- Ch. Durand, _Dix jours +de campagne ou la Hollande en 1831_ (Amsterdam, 1832). -- Chevalier de +Richemond, _Campagne de 1832 en Belgique_ (Parijs, 1833). -- h) MODERNE +GESCHIEDKUNDIGE WERKEN: Th. Juste, _La Revolution belge de 1830 d'apres les +documents inedits_ (Brussel, 1872); Ch. V. de Bavay, _Histoire de la +Revolution belge de 1830_(Brussel, 1873) en twee terechtwijzende opene +brieven tot dien oud-Procureur-Generaal door Th. Juste gericht (Brussel, +1873-74); L. Hymans, _Histoire parlementaire de la Belgique de 1830 a +1880_, 6 dln. (Brussel, 1877-1880); Th. Juste, _Le Congres national de +Belgique_, 2 dln. (Brussel, 1850); Prof. J. Bosscha, _De Belgische +Revolutie_ (Leeuwarden, 1856); zie hooger Nuyens. -- Ph. Van der Kemp, _De +Antwerpsche proclamatie des Prinsen van Oranje_ (in den _Tijdspiegel_, +October 1902-1903), en dezelfde, _De Belgische Omwenteling in Luik en +Limburg_, 2 dln. ('s Gravenhage, 1904); W. Wueppermann, _De tiendaagsche +veldtocht_ ('s Gravenhage, 1881). -- Graaf Oswald de Kerchove de +Denterghem, _Les preliminaires de la Revolution belge en 1830 (Revue de +Belgique,_ 1896). -- V^te de Beaumont-Vassy, _Histoire des Etats Europeens +depuis le Congres de Vienne, Belgique et Hollande_ (Parijs, 1843); Ch. de +Ficquelmont, _Lord Palmerston, l'Angleterre et le Continent_ (Brussel, +1853); C^te d'Haussonville, _Histoire de la politique exterieure du +gouvernement francais de 1830 a 1848_ (Parijs, 1850); L. Blanc, _Histoire +de Dix Ans_ (Parijs, 1842); Lucien de la Hodde, _Histoire des societes +secretes en France_ (Parijs, 1850); E. Carlier, _Talleyrand et la Belgique +(Revue de Belgique_, 1891); Duc de Broglie, _Le dernier bienfait de la +monarchie, la neutralite de la Belgique (Revue des Deux Mondes_, +1899-1900); R. Guyot, _La derniere negociation de Talleyrand, +l'independance de la Belgique (Revue d'histoire moderne et contemporaine_, +Parijs, 1900-1901); R. Dollot, _Les origines de la neutralite de la +Belgique_ (Parijs, 1902); Chev. David-Descamps, _La neutralite de la +Belgique_ (Brussel, 1902); Pastoor Fl. de Lannoy, _Les origines +diplomatiques de l'independance belge, la Conference de Londres_ (Leuven, +1903). -- L. van Neck, _1830 Illustre_ (Brussel, 1902); Ch. Terlinden, _La +Revolution belge de 1830 racontee par les affiches_ (Brussel, 1903). --Ch. +Niellon, _Histoire des evenements militaires et des conspirations +orangistes de 1830 a 1833_ (Brussel, 1868); A. Eenens, _Documents +historiques sur les conspirations militaires de 1831_, 3 dln. (Brussel, +1875-1876). -- J. J. Thonissen, _La Belgique sous le regne de Leopold I_, 3 +dln. (Leuven, 1861); G. Oppelt, _Histoire generale de la Belgique de 1830 a +1860_ (Brussel, 1861); L. Hymans, _Histoire populaire de Leopold I_ +(Brussel, 1864); Th. Juste, _L'election de Leopold I_ (Brussel, 1867), en +_Leopold I roi des Belges_, 2 dln. (Brussel, 1868); Saint Rene Taillandier, +_Le roi Leopold et la reine Victoria_, 2 dln. (Parijs, 1878); Andre +Martinet, _Leopold I et l'intervention francaise en Belgique en 1831_ +(Brussel, 1905). + +Zie verder de _Biographie Nationale_, uitg. door de Kon. Academie van +Belgie, en de _Patria Belgica_, uitg. Van Bemmel, dl. II. + +Twee uitstekende samenvattingen zijn: A. Waddington, _L'Insurrection belge +et le Royaume de Belgique_, bij Lavisse et Rambaud, _Histoire generale de +l'Europe_, dl. X, hoofdstuk IX; en A. Stern, _Die Niederlande_ en +_Begruendung Belgiens_, in zijne _Geschichte Europas von 1830 bis 1848_, dl. +I (1905), hoofdstukken II en V. + + + + + +End of the Project Gutenberg EBook of Vlaamsch Belgie sedert 1830, by Various + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK VLAAMSCH BELGIE SEDERT 1830 *** + +***** This file should be named 26349.txt or 26349.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + https://www.gutenberg.org/2/6/3/4/26349/ + +Produced by Frits Devos and Distributed Proofreaders Europe + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +https://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at https://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at https://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit https://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including including checks, online payments and credit card +donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + https://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. |
