diff options
| author | Roger Frank <rfrank@pglaf.org> | 2025-10-15 02:13:55 -0700 |
|---|---|---|
| committer | Roger Frank <rfrank@pglaf.org> | 2025-10-15 02:13:55 -0700 |
| commit | 82697a342826773abdc07691a9e63ff88901c6b0 (patch) | |
| tree | a231abe4aa1cfd6ad844b09746d1d266a1b7ee7d /24649-8.txt | |
Diffstat (limited to '24649-8.txt')
| -rw-r--r-- | 24649-8.txt | 3222 |
1 files changed, 3222 insertions, 0 deletions
diff --git a/24649-8.txt b/24649-8.txt new file mode 100644 index 0000000..b78c458 --- /dev/null +++ b/24649-8.txt @@ -0,0 +1,3222 @@ +The Project Gutenberg EBook of In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de +Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2), by Felix Speiser + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2) + De Aarde en haar Volken, 1917 + +Author: Felix Speiser + +Release Date: February 19, 2008 [EBook #24649] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK KANNIBALEN OP DE NIEUWE HEBRIDEN *** + + + + +Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed +Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ + + + + + + + + + De Aarde en haar Volken: Geïllustreerd Maandblad + + + In het Oerwoud en bij de + Kannibalen op de Nieuwe Hebriden. [1] + + Naar het Duitsch van Felix Speiser. + + + + +De schetsen, die Felix Speiser tijdens zijn reis naar de Nieuwe +Hebriden ten papiere bracht, willen geen uitvoerige beschrijving +geven van de eilanden en hun bewoners. Hij nam de pen ter hand, om aan +zijn vrienden, van wier belangstelling hij overtuigd was, iets mee te +deelen van zijn indrukken. Hij heeft ernaar gestreefd, zegt hij in de +voorrede van zijn boek, bij zijn bekenden eenig gevoel te wekken voor +de heerlijke koraaleilanden en hun idyllischen vrede, voor den ernst +van het donkere oerwoud en den grimmigen toorn van den oceaan. Hij +wilde de lezers bekend maken met het eenvoudige en toch bewegelijke +leven van de inboorlingen, met hun grillig karakter, waarin men nu eens +op schuwe nieuwsgierigheid stuit, dan op verraderlijke vrees, heden op +trotsche zelfstandigheid en morgen op goedmoedige onderdanigheid. Hij +hoopte, dat uit zijn woorden mochten klinken het vleiende ruischen +der palmen en het zware grommen der branding; hij zou anderen willen +doen meegevoelen de vroolijkheid, die het klare koraalstrand wekt, +en den ernst, waarmee het oerwoud de ziel van den zwerver vervult. + +Of het hem is gelukt, mogen onze lezers beoordeelen. + +Den 26sten April 1910 bereikte ik Nouméa op Nieuw Caledonië met de van +Marseille komende stoomboot van de Messageries Maritimes, waarop ik +mij te Sydney had ingescheept. Vier dagen later kwam de "Pacific" uit +Sydney in Nouméa en nam mij mee naar de Nieuwe Hebriden. Nouméa maakt +geen al te besten indruk; sedert Nieuw Caledonië geen strafkolonie +meer is, nam de achteruitgang snel toe, en men krijgt in de stad den +indruk, dat ze nog in haar eigen aanleg moet groeien, zoo leêg en +verlaten doen zich de pleinen voor, zoo onverzorgd zijn de tuinen, +en zoo weinig aantrekkelijk zien de huizen eruit. Hier en daar zijn +over de trottoirs daken van gegolfd plaatijzer gespannen, waaronder +men naar stoffige winkels kan kijken, en waar op iederen hoek een +matrozenkroeg lokt. Er is een raadhuis, van hout opgetrokken, en +de residentie van den gouverneur is ook niet veel bijzonders. De +ambtenaren spelen kaart in de club en gaan vroeg naar bed, nadat ze +zich hebben laten vermaken door afgespeelde operadiva's uit Sydney +of door de voorstelling van een kinotheater. + +De eenige afleiding is de maandelijksche aankomst en het vertrek van +de stoomboot uit Sydney, wanneer iedereen op de kade zich vertoont +en onbekenden toewuift met een naïeveteit, die op de verveling in +de plaats een helder licht werpt. Het was een druilerige regendag, +toen wij wegvoeren. Mismoedig stonden de passagiers op het natte dek +en keken toe, hoe de lading werd verpakt, die bestond uit deelen van +uit elkaâr genomen huizen, oude spoorrails, kisten met ingemaakte +levensmiddelen, paarden, prikkeldraad, enz. Het vertrek werd van den +middag tot den avond verschoven; de blanke passagiers, kolonisten, +soldaten, kooplieden, werden ongeduldig; maar de inboorlingen trokken +er zich niets van aan. Voor hen beteekent tijd niets; ze sloegen hun +dekens om in een droog hoekje en bleven rustig zitten droomen. + +Toen we eindelijk wegvoeren, veegde de regen van de bergen af door de +lucht, en toen er daarna nevel opkwam, moesten wij het anker uitwerpen, +want de loods was niet zeker van den weg door de vele kleine eilanden +en ondiepten, die de vaart binnen het Barrièrerif zoo gevaarlijk +maken. Het was volslagen donker, en het schip rukte onrustig aan +zijn ankerkettingen. Wie niet zeeziek was, ging naar de rookkamer, +waar het gesprek natuurlijk op schipbreuken kwam, die in den laatsten +tijd talrijk waren geweest in deze wateren. Men vertelde avonturen +met haaien en roggen en sprak over cyclonen. Van tijd tot tijd ging +er één op het dek en keerde terug met een bedenkelijk gezicht, zoodat +een ongevaarlijke positie ongemoedelijk begon te worden. Ten slotte +ging men maar naar zijn hut en kon daar bij gesloten vensters kennis +maken met tropische hitte en vochtigheid. + +Den volgenden dag bij het ontwaken waren we het rif al voorbij en +rolden op de zware, hooge golven, die de zuidoostpassaat over de +onmetelijke watervlakte jaagt, en een dag later deden we Port Vila +aan, de ingangshaven van de Nieuwe Hebriden op het eiland Elate. Uit +den lichten nevel van den zomermorgen kwamen de vormen van een +eiland voor den dag en de koepels van bergen, en bij het naderkomen +onderscheidde men kronen van vijgenboomen, die hoog boven het andere +groen uitstaken als kathedralen boven de huizen van een stad. Men +kon nu ook de branding zien schuimen tegen de vlakke kust, zag den +ingang van de wijde baai, herkende palmen, en onvoorziens waren we +al in de lagune, waar het water in den zonneschijn fonkelde met den +glans van juweelen. We hadden nu de vlakke landtongen achter ons, en +de bocht werd hier omzoomd door steile hellingen van koraalplateau's, +waarlangs watervallen van oerwoud neerstortten in overweldigenden +overvloed van gewassen. Er was iets spontaans in die weelde van den +plantengroei, en men werd herinnerd aan een vulkaan, waarbij de eene +rookzuil de andere schijnt te willen verdringen. Zoo scheen hier +de eene boom den anderen te willen verstikken als in de worsteling +om het leven, waarin de zwakkeren, beroofd van hun plaats, zich nog +krampachtig vastklemden aan den oever en ver daarbuiten, tot boven +de spiegelende watervlakte, terecht waren gekomen. Daar, boven het +water, welfden ze zich in ronde kruinen en vormden een prachtige +randversiering. Slechts hier en daar bleef het strand vrij, en het +blinkend witte zand scheidde het blauw van het water van het woudgroen, +zoodat het landschap in kleurenpracht straalde. + +De baai vernauwde zich tot de eigenlijke haven van Port Vila, en kleine +eilanden lieten kijkjes toe op koele bochten, waar lichtgekleurde +huizen aan het strand stonden. Op het hooge plateau bij de stad lagen +grootere villa's, en in het havenbassin witte zeilschepen van de +planters. Ongeveer duizend meter van het land wierpen we het anker uit. + +Zooals ons het kleurige tropische landschap aangenaam aandeed, +zoo was de aankomst van ons schip een welkome afwisseling voor de +kolonisten van Vila. Reeds kwamen uit alle richtingen witte roei- en +motorbooten nader, die om het schip rondvoeren, tot de havendokter den +toegang toestond. Vlug klauterden de wachtenden tegen het schip op, en +plotseling was er op dek een druk gepraat, gelach en handgeschud. Een +vriendelijke planter bracht mij met mijn weinige bagage naar den wal, +waar ik mij in het hôtel een kwartier zocht. + +Het middelpunt van de groote plantages is Mele, maar door haar +ligging werd Port Vila handelscentrum. In den laatsten tijd echter +ontwikkelden de omliggende eilanden zich krachtiger, en Port Vila +wordt meer en meer bestuursplaats, terwijl de eigenlijke handel zich +afspeelt aan boord van de schepen. Evenmin als Nouméa gaat Port Vila +vooruit; het is een droomerige, stille plaats, waar de planters uit +Mele op postdagen wat leven brengen, en de inlanders waren laden +en lossen. Men kan hier onder matrozen en planters gestrande levens +vinden, van wie enkele hun afkomst uit betere kringen nog graag nu en +dan aan den dag leggen, maar anderen ook alle eerzucht dienaangaande +hebben afgelegd en van de eene herberg naar de andere strompelen, +waar u grammofoonmuziek en getwist uit tegenklinken. + +Iets aardigs zijn de feestelijk uitgedoste vrouwen uit de +inboorlingendorpen met haar gracieusen gang, de mooie, donkere oogen +en het bakvischgegichel, die inkoopen komen doen. Ook de zeilbooten +op het water, waarin bruine mannen kwamen aanvaren, maakten een +schilderachtigen indruk. Mijn hôtel was niet veel bijzonders. Het eten +was er goed, maar men kon er zich haast niet wasschen, en de gasten +waren een zonderling zoodje. Er werd 's avonds sterk gedronken, en +gespeeld, wat dikwijls met vechtpartijen eindigde. Een vreemdeling +voelt er zich niet op zijn plaats, en men heeft geen gelegenheid, +zich terug te trekken. Toen ik het allernoodigste had uitgepakt, +beklom ik het plateau, om naar de fransche residentswoning te gaan +en mij den bestuurder voor te stellen. Het kantoor van de engelsche +residentie was toen nog op het eiland Iririki, waar ik zonder boot +niet kon komen. Het condominium heeft wel wat meer leven in de plaats +gebracht door de ambtenaren van beide nationaliteiten. + +Het fransche residentshuis was een laag gebouw met een weide eromheen, +waar kippen en paarden liepen en die een kaal aanzien had. Maar van de +veranda had men een verrukkelijk uitzicht op den uitgang van de baai, +doordat de beide oevers te zien waren, die de watervlakte insloten +en hun landtongen vooruit schoven. Aan den horizon verloor zich dan +de open zee tot in het oneindige. Iririki ligt aan de overzij op den +groenen waterspiegel, en men kan gemakkelijk de goed verzorgde tuinen +onderscheiden met hun mengeling van cultuurplanten en natuurlijken +plantengroei. Daarnaast ligt de wijde haven in een druk spel van +kleuren, waarin het donkere purper van de koraalriffen door het water +te zien is. De pracht van het landschap was wel een vergoeding voor +het betrekkelijk minderwaardige van het menschenwerk. + +De fransche resident, de heer Colonna, ontving mij zeer vriendelijk +en noodigde mij uit, bij hem mijn intrek te nemen, zoodat ik het +hôtel vaarwel kon zeggen tot mijn niet geringe vreugde. Ik had mij +voorgenomen, in Vila met het land en de menschen vertrouwd te worden, +daar dienstpersoneel te huren en mijn expeditie naar plaatselijke +omstandigheden in te richten. Maar de resident scheen te meenen, +dat ik goed zou doen, eerst ook op de andere eilanden rond te zien en +sloeg mij voor, hem te vergezellen op een inspectiereis, die hij over +een paar dagen ging ondernemen. Als zijn gast kon ik niet weigeren; +maar wees op de noodzakelijkheid, dat ik personeel moest huren. Men +stelde mij gerust met de mededeeling, dat ik gemakkelijk op Espiritu +Santo, het grootste eiland, waar de resident mij zou afzetten, +mannen zou kunnen vinden, en dat ik daar ook mij bij een fransche +opmetingsexpeditie kon aansluiten, wier werk binnen kort in Santo +zou beginnen. + +Aldus gerustgesteld, trof ik mijn voorbereidingen voor het vertrek +en ordende mijn bagage. De resident scheen niet te weten, dat in +de haven Canal du Segond geen inboorlingen meer wonen, en dat, wat +er in de omgeving aan arbeidskrachten aanwezig is, door de planters +wordt in beslag genomen, zoodat ook de staatsopmetingsexpeditie geen +arbeiders genoeg had en mij volstrekt niet kon helpen. + +Het zou het beste zijn geweest, als ik een eigen schip had zien te +krijgen; daardoor zou ik veel tijd hebben bespaard, daar ik niet +van andere schepen afhankelijk had behoeven te wezen. Nu werd ik +door transportmoeilijkheden opgehouden. Ik vond dus geen personeel, +en daar ik onbekend was met de verhoudingen op de eilanden, verliet +ik mij op den raad van den resident en vond den tocht met hem een +gelukkig toeval. + +De residentieboot werd te mijner beschikking gesteld voor mijn bezoek +aan den engelschen resident op Iririki. Het uiterlijk voorkomen van +dit residentiehuis was opvallend beter verzorgd; maar de engelsche +resident was er al vier jaren, en de fransche nog slechts een half +jaar. De heer Morton King bood mij eveneens gastvrijheid aan, maar +als gast van den heer Colonna kon ik die niet aannemen, en eerst +later heb ik veel steun en raad van Mr. King gekregen, waarvoor ik +hem altijd dankbaar zal blijven. De volgende dagen had ik ook de eer, +den engelschen rechter van het condominium te leeren kennen, Judge +Alexander, en den bisschop van de katholieke zending, monseigneur +Douceré. Beiden beloofden mij steun. Onder gezellige samenkomsten +verliep de tijd tot het vertrek van het regeeringsjacht "Gallia". Het +was oorspronkelijk een wedstrijdboot, wat haar vormen nog bewezen; maar +van binnen was de boot zeer verwaarloosd; gelukkig had ze goede zeilen +en een voldoend sterken motor, die ook in tegenwind flink kon werken. + +Op een donkeren Meimorgen voeren we de baai uit, de resident, de +rechter, de heer S., en de kapitein met acht politiedienaren van de +Loyalty-eilanden, die voortreffelijke zeelui waren en hier dienst +deden als matrozen en politie tegelijk. We hadden dien dag nog een +fransche plantersvrouw met haar dochter aan boord, wier bestemming +Port Havannah was in het Noordwesten van het eiland Efate. + +Port Havannah is een der beste havens van de groep, omdat er +veel ruimte is, en men niet door koraalriffen wordt gehinderd. Het +eenige nadeel is de groote diepte, waardoor kleinere vaartuigen geen +ankergrond kunnen vinden. Wij ankerden er en gingen toen dadelijk op +de duivenjacht, daar de heer S. een hartstochtelijk jager was. Duiven +zijn met wilde zwijnen en enkele eenden het eenige jaagbare wild op +de Nieuwe Hebriden; maar als sport schijnt er mij een eigenaardige +geestdrift voor noodig, om er plezier in te vinden. De duiven zijn +uiterst schuw en houden zich veelal in de hoogste boomen op. Daar +kan een Europeaan ze haast niet ontdekken, en als men ze met hulp +van een inlander heeft gezien, vliegen ze meestal weg. Gelukt het, +ze van den boom naar beneden te schieten, dan is de buit gewoonlijk +onvindbaar. De inboorlingen kunnen zonder geluid nadersluipen en de +buks dichtbij den vogel losbranden. Voor mij bestond de duivenjacht +uit een vervelend wachten in het struikgewas, en het resultaat van +verscheiden uren was één of geen duif. De vette dieren leveren anders +een smakelijk hapje, dat, als het goed is toebereid, een aangename +afwisseling is van busjesvleesch. + +Dezen keer had niemand van het gezelschap geluk op de jacht. De avond +werd nog besloten met een danspartij in de bescheiden woning van de +beide dames. Op de zoete klanken van een grammofoon draaide men in +het rond, en zelfs de niet meer slanke moeder kon de verzoeking niet +weerstaan en huppelde met den niet mageren resident zoo ijverig mee, +dat men voor beiden bezorgd moest wezen. Wij sliepen aan boord bij +het zachte schommelen van het schip. Soms plaste een groote visch +in het water, maar verder was het stil en drukkend warm als in een +bangen droom. + +We stonden al vroeg op, om weer op de jacht te gaan, maar het +resultaat was al niet beter dan den vorigen dag. Gelukkig zeilden +we toen spoedig weg in helder weêr en een frisschen wind. Langs de +kleinere eilanden Nguna en Mataso kwam ons doel Maei naderbij en in +den laten namiddag wierpen we er het anker uit. Maei is een eilandje, +waar de inboorlingen, als op veel eilanden in de buurt, bijna geheel +verdwenen zijn. Er was daar een kleine plantage, met welker agent de +heer Colonna een onderhoud moest hebben. Toen we ons door de lastige +nauwe invaart hadden heengewerkt, om door het koraalrif den oever te +bereiken, vonden we den blanke in een half waanzinnigen toestand. Hij +beweerde, dat hij koorts had; maar de alcohol had ook een groot deel +aan zijn zonderling gedrag. De man trok de gekste gezichten, kon +slechts met moeite praten en was niet in staat, om te schrijven. Hij +zei, dat de koorts hem de macht over zijn vingers had doen verliezen. + +De arme man werd uitgenoodigd, aan boord te komen soupeeren; +maar hij kende geen Fransch; de fransche beambten verstonden geen +Engelsen, en dus moest ik als tolk optreden. Dat was bij den planter, +die in het Engelsch ook niet scheen te kunnen spreken en zich in +mysterieuse klanken uitte, een moeilijk ding, te meer daar de man +trots de afgepaste portie wijn, die wij hem schonken, al meer onder +den invloed van den drank raakte en zich op het laatst beleedigend +over den resident uitliet, wat ik in het Fransch moest overbrengen, +om hem het antwoord dan weer in het Engelsch te presenteeren. Het +was lastig en komisch, en we brachten al spoedig den planter aan land +onder de hoede van zijn inlandsche vrouw en drie politiedienaren. + +We rookten nog een pijpje, keken naar de uitgezette hengels, die +natuurlijk leêg waren en gingen slapen op dek. Den volgenden morgen +kwam de planter weer, nu wat handelbaarder. Hij bracht de inlandsche +en haar kind mee, dat hij wou laten erkennen. Daar de inlandsche +vrouwen vaak weer wegloopen en in het algemeen aan de belofte van +huwelijkstrouw moeilijk kunnen vasthouden, worden zulke kleurlingen +in het register opgenomen als kind van die en die, moeder onbekend, +wat den oningewijde wel vreemd moet lijken. Na voltrekking van die +formaliteit lichtten we het anker en stuurden naar Tangoa, een eiland, +dat voor het grootere Epi lag. We kwamen daar nog in den voormiddag +aan en begaven ons dadelijk op weg naar het binnenland. Daarheen voert +een goed onderhouden rijweg, de eenige in den archipel buiten Vila. + +Er was juist een heftige strijd over het recht op dien weg. De +protestantsche zendeling, de heer M., had dien weg door de inlanders +laten aanleggen en verlangde van een planter, den heer E., die in het +binnenland woonde, tolgeld voor elken zak copra, dien deze naar de +kust voerde. De planter was bereid, zijn aandeel aan het onderhoud +van den weg te betalen, maar weigerde, de hooge tol te betalen. De +inboorlingen, waarschijnlijk opgezet door den zendeling, versperden +hem daarom den weg en dreigden, zijn huis in brand te zullen steken, +als hij niet toegaf. Wij kwamen juist op tijd, om den twist voorloopig +bij te leggen. Daarna keerden we naar de kust terug, aten in de +schaduw van een tent en flaneerden het overige van den dag. + +Tangoa is een van de weinige eilanden, waar de inboorlingen niet in +aantal achteruitgaan. Daar ze allen bekeerd zijn, schrijft de zendeling +zich de eer toe, dit verheugende feit te hebben teweeggebracht. Al +moet men zijn werk waardeeren, toch schijnen andere oorzaken te hebben +meegewerkt. Het is namelijk opmerkelijk, dat op andere, juist zoo +gelegen kleine eilanden, de bevolking zich ook weet te handhaven, +zooals op Paauma, Vao, Mele, zonder dat de zending tot voor korten +tijd er voet heeft gevat. + +Na een prachtigen, helderen nacht voeren we vroeg naar Epi, het +grootere eiland ten noorden van Maei. De lucht was betrokken geworden, +en een grauwe nevel hing over het land. Waar de bekoring van het +landschap zoo geheel op kleuren berust, heeft een verandering in +het weêr, in atmosfeer en verlichting, ten gevolge, dat hetzelfde +eiland er den eenen dag idyllisch kan uitzien en den anderen dag +alle aantrekkelijkheid kan hebben verloren. Onze tocht werd dan +dadelijk tot een plichtreis, waar hij eerst een prettig uitstapje +was geweest. Daarbij was de stemming gedrukt door ongesteldheid van +den heer Colonna, die koorts had en last van zijn lever en zich met +allerlei medicamenten er bovenop hield. + +Op Epi wordt hoofdzakelijk koffie verbouwd door een aantal fransche +planters; we hielden er ons niet op en voeren verder naar Port Sandwich +op Malekula. We hadden in den nacht doorgevaren voorbij Ambrym. De +roode gloed van den daar aanwezigen vulkaan bescheen de rookzuil, +die overdag alleen een zware damp scheen. Port Sandwich is na Vila de +drukst bezochte haven van den archipel en heeft, omdat het zulk een +centrale ligging bezit, menig schip in een cycloon een schuilplaats +verschaft. De ingang is smal; de baai wordt verder binnenwaarts breed +en dringt ver naar het Zuidwesten binnen. Op de ankerplaats is men +geheel door land omringd en meent, in een binnenmeer te wezen, want +overal ziet men de oevers begroeid met dichte bosschen, waarvan de +begroeide bodem tot het water reikt. + +De leuze was ook hier terstond bij aankomst de duivenjacht. Ik gaf er +echter al gauw de voorkeur aan, met den zoon van den aanwezigen planter +de in de nabijheid gelegen inboorlingendorpen te bezoeken. Hier zag +ik voor de eerste maal de echte, werkelijke wilden. Niemand, die iets +voelt voor dergelijke dingen, zal de plechtigheid ontkennen van het +oogenblik, als hij voor het eerst den onvervalschten natuurmensch voor +zich ziet. Gebeurt dat in het oerwoud, dat zelf al een natuuropenbaring +is, dan kan het zijn, dat de donkere, naakte inboorling plotseling +opduikt, nadat hij onhoorbaar door het struikgewas is gedrongen. De +takken uit elkaar wringend, staat hij op het smalle pad vóór ons, wij +verbaasd, hij schuw. Slechts weinig steekt hij af tegen het groen van +de omgeving; hij is verwant aan de omringende natuur, maakt er deel +van uit en lijkt ons een vreemd wezen, tot een woord den ban breekt, +iets van herkennen over zijn trekken glijdt en wij den mensch in hem +beginnen te zien. + +Zoo herbergt het eindelooze, ongastvrije woud, zonder wegen of open +plekken, zonder zon en licht, de dichte wirwar van lianen en stammen, +menschen van ons eigen maaksel! Het lijkt ons als een wonder, dat in +die diepten, die als een groene, onpeilbare zee zijn, menschen kunnen +leven, en men kan het van vroegere geslachten begrijpen, dat ze de +verwantschap met de boschbewoners loochenden, want nooit doet zich de +inboorling primitiever voor, dan als hij door het woud trekt. Naakt +met enkel den gordel van boomschors en den schaamdoek, met woest, +krullend haar en veêren als tooi, enkel voorzien van pijl en boog, +doet hij zich weinig vriendelijk voor, en plotseling heeft het woud +hem weer opgeslokt; de groene wand is weer gesloten, en ons oog en +oor kunnen hem niet vinden. + +Anders is het, als we zijn woning betreden of de dansplaats met +de groote trommels, de geheimzinnige steenen tafels, de beelden en +palen. Uit een hut kruipt langzaam een man, en uit het bosch naderen +ze uit woningen, die wij eerst niet eens hadden bemerkt. Daar staan +vrouwen en kinderen in vreesachtige verbazing, tot er een levendig +gesprek begint of een zacht gefluister over den vreemdeling. We zijn +midden in het leven, in een drukke menschenkolonie, waar het in veel +opzichten toegaat als bij ons. Dan heeft het oerwoud zijn sluier +opgeheven; we hebben het heiligdom betreden, en de ongastvrijheid +van een vijandige natuur is verdwenen. + +Zou misschien de vaak genoemde eenzaamheid van het individu in de +groote steden niet een symptoom van grooter wreedheid en hardheid zijn +dan de afgeslotenheid van den natuurmensch, die met de zijnen in zijn +eigen kringetje leeft, waar hij gebieder is? Wij verheffen ons dikwijls +op onze heerschappij over de natuur; maar is die niet een vlucht eruit, +omdat haar krachtigste uitingen ons schrik aanjagen? Wij kwamen niet +in nadere aanraking met de bewoners en voeren den volgenden dag langs +Malekula's oostkust verder naar het Noorden. + +Voor de kust liggen hier reusachtige koraalriffen, zoodat de +branding een paar mijlen ver in zee begint. Die riffen zijn een +samenhangende massa van verbrokkeld koraalgesteente, dat al verder +in zee vooruitgroeit. De oppervlakte is effen, ongeveer ter hoogte +van den laagsten waterstand, zoodat ze bij eb haast droog ligt. Dan +kan men droogvoets op het rif loopen; maar men moet de vaak breede +riffen aan den buitenkant eerst passeeren. Die zouden de geheele kust +spoedig insluiten, als niet overal waar zoet water de zee bereikt, een +opening in den gordel was gelaten, terwijl ook hier en daar grootere +einden van den oever vrij zijn gebleven. Het groeien van de koralen +in de open zee heeft de ingangen van de baaien vernauwd, maar voor +kleine vaartuigen zijn ze bruikbaar gebleven en vormen uitstekende +ankerplaatsen, omdat daarbinnen de branding zich niet doet bemerken. + +De invaart in die strandbekkens is vaak zeer lastig. Toch bracht onze +kapitein het er goed af en voerde ons schip in een ruime lagune achter +het Eliza-Maryrif, zoo genoemd naar een groote schoener, die er voor +jaren strandde. Nog lagen er groote balken en stukken ijzer op het rif, +half overgroeid door koraal, en daarnaast hoopen ballast en steenen, +waar latere geologen nog wel voor kunnen staan als voor een raadsel. + +Men had mij de jacht op het droge rif als bijzonder prettig +afgeschilderd, en we maakten ons daarom den volgenden dag klaar, om +bij eb op de wijde vlakte avonturen te beleven. Op het rif had zich al +eenige plantengroei afgezet, voornamelijk mangroven, die zich op hun +luchtwortels boven den hoogwaterstand trachtten te houden. Ofschoon +er voor mij niets te jagen viel, was het waden door het stijgende, +lauwe water een genoegen, omdat ik er kennis kon maken met een wereld +van onbekende dieren. Er waren holothuriën, die geel of purperkleurig +als worstjes in de poelen lagen en door de Chineezen worden gegeten, +waarom ze een kostbaar uitvoerartikel zijn. Groot was het aantal +kleurige vischjes, die in de plassen verschrikt heen en weer schoten, +evenals dat van de wormen, de zeesterren en polypen. Toen het water +hooger steeg, gingen we aan boord en zeilden verder naar Vao en van +daar verder noordwaarts, voeren door de Bougainvillestraat met haar +lastige stroomingen en wierpen des middags het anker uit in de haven +Canal du Segond in het Zuidwesten van het grootste eiland der groep, +Espiritu Santo of alleen Santo. + + + +Het eigenlijke Canal du Segond is een lange, smalle inham, gevormd +door de kust van Espiritu Santo en door die van de kleinere eilanden +Aore en Malo. De lengte is ongeveer acht mijlen en de breedte op de +smalste plaats slechts drie vierde mijl. Aan de oevers, die aan de +Société Francaise des Nouvelles Hébrides behooren, woont een ongeveer +honderdvijftig zielen tellende kolonie van fransche planters. Men heeft +er een goede haven, maar die, helaas, niet zeer centraal is gelegen, +en ook gaat er een sterke strooming in het kanaal. De oevers zijn +vlak en laten de monding vrij van de Sarakatta, een groote rivier, +die in het binnenland van het eiland ontspringt. + +Die rivier is een bezienswaardigheid, en een vaart van de monding +stroomop maakt een diepen indruk. De plantengroei om het Canal du +Segond is de allerweelderigste van de eilanden, en de rivier snijdt +direct in het oerwoud, zoodat men tusschen twee hooge woudmuren +vaart. Geluidloos glijdt het water voort; geluidloos is het woud, +en slechts zachtjes plast de boot of slaat een visschestaart het +water. Altijd nieuw en verrassend is de afwisselende plantengroei en +zijn de kijkjes bij de verschillende bochten van den stroom. Als in +een droom glijdt men dan weer den stroom af en behoudt een liefelijke +herinnering te meer. + +De resident stelde mij voor aan het planterspaar, den heer en mevrouw +Ch., en verzocht voor mij huisvesting. Zijn wensch was voor hen zoo +goed als een bevel. Ze hadden een jaar geleden een weelderig leven in +Parijs verwisseld voor het plantersbestaan op de Nieuwe Hebriden en +hadden, daar ze een oude plantage van de Societé des Nouvelles Hébrides +hadden gehuurd, dadelijk een huis gereed gevonden, anders dan de +overige kolonisten, die de eerste grashut voor zichzelf moeten bouwen +en vaak eerst na jaren zich een behoorlijk huis kunnen veroorloven. + +Toen ik mijn kwartier had betrokken, voer de resident in de "Gallia" +weg, en ik bleef achter aan den rand van de wildernis. + +Wat er nu volgde, was een wachtperiode van twee maanden, de eerste +van vele volgende. Daar ik geen dienstpersoneel had, kon ik niets +degelijks beginnen, en van de inboorlingen kreeg ik heel weinig te +zien. Maar wel kreeg ik een goeden kijk op het leven van een, zij +het dan ook slecht geleide, plantage. + +De heer Ch. had bij de plantage ongeveer dertig inboorlingen +overgenomen en trachtte de verwaarloosde aanplantingen weer +bruikbaar te maken. Veel hectaren stonden vol koffieboomen, maar +bij de voortdurende wisseling van beambten van de maatschappij +was het plantsysteem zoo vaak veranderd, dat er niet veel van den +oogst terecht kwam. Ieder nieuw aangestelde had het werk van zijn +voorganger laten liggen en had nieuwe aanplantingen aangelegd. In +een oogenblik zijn zulke oude aanplantingen overgroeid, zoodat hier +de koffieboompjes bij duizenden tusschen het onkruid en het hooge +geboomte stonden te worstelen om licht en lucht en geen vrucht meer +droegen. Men kan het haast niet gelooven, dat in veertien dagen op +een glad gemaaiden grond weer meterhoog gras kan staan, of dat in +zes maanden een gewiede aanplanting weer dicht bosch met stammen van +een vinger dikte draagt. Alleen de planter weet, dat de overgroote +weelderigheid zijn grootste vijandin is, en dat hij meer arbeid moet +besteden aan het schoonhouden van de plantage dan aan het eerste +uitroeien van het oerwoud en het zetten van de jonge planten. + +Er was dus voor dezen planter veel te doen, wilde hij de koffieboomen +weer doen dragen, en om toch dadelijk wat te verdienen in den tijd, +voordat de koffie een opbrengst leverde, wat eerst na twee of drie +jaren te verwachten was, deed hij als alle planters en zaaide maïs, +die in drie maanden al vruchten levert. Zijn arbeiders, kroesharige, +donkere, in lompen gekleede kerels, waren dan ook bezig, de een +voet lange maïskolven te plukken. Met onverschillige hand wierpen +ze de goudgele vruchten over hun rug op den grond; daar werden ze +door eenige vrouwen opgezocht, in zakken gedaan en naar de loods +aan den oever gedragen. De heer Ch. wekte de menschen op, voort te +maken, daar de maïs voor de verzending gereed moest wezen, tegen dat +de binnen enkele dagen te verwachten "Pacific" zou aankomen. Bij de +groote vochtigheid van het klimaat kan men de waren niet lang laten +liggen, zonder dat ze verrotten, vooral niet in eenvoudige loodsen +of open ruimten onder daken van palmbladeren. + +De "Pacific", waarop gewacht werd, was een engelsche stoomboot, de vlag +voerend van het groote australische handelshuis Burns, Philp en Co uit +Sydney, dat ook met andere eilandengroepen relaties onderhoudt. Die +stoombooten doen eerst de Lord Howe- en de Norfolkeilanden aan, dan +Port Vila, de ingangshaven van de Nieuwe Hebriden, om van daar in een +rondvaart van vier weken alle grootere plantages van de groep en bijna +alle eilanden aan te doen. Door een aanzienlijke rijkssubsidie is de +maatschappij verplicht tot den postdienst, maar drijft buitendien +een levendigen handel met de planters en kooplieden. Aan boord van +de schepen is een ambtenaar van de maatschappij, de zoogenaamde +supercargo, die de producten van de kolonisten koopt en hun +daarvoor waren levert, ruil- en handelswaren voor het verkeer met de +inboorlingen, alsook alles, wat ze zelf noodig hebben. Ook brengt +hij alle bestellingen over van de blanken naar het handelshuis te +Sydney, bestellingen van allerlei aard, van naainaalden tot paarden +en motorbooten toe. + +Een groote voorraad goederen wordt altijd aan boord meegenomen, vooral +dingen van dagelijksch gebruik, zoodat men daar een soort van warenhuis +heeft en alles kan uitzoeken, wat men aan levensmiddelen en kleeding +behoeft. Daarbij wordt gaarne crediet verleend aan beginnende planters, +dat zijn menschen, wier plantages nog niets opbrengen, waarvoor dan +de planters de verplichting op zich nemen, al hun producten later +aan Burns en Philp af te geven, en wat ze noodig hebben, ook van +die firma te betrekken. Zoo komt het, dat veel planters in schulden +steken bij Burns, Philp en Co, en deze, omdat er geen concurrentie +is, de prijzen voor copra en andere producten kunnen vaststellen. De +firma is dus een belangrijke machtsfactor op de eilanden. + +Anders is het gesteld met de fransche stoomvaartlijn der Messageries +Maritimes. Door een groot subsidie van de regeering ondersteund, is +die lijn alleen postdienst en geeft zich niet af met handel. Het mooie +schip vaart in drie weken van Sydney naar Nouméa en Port Vila, bezoekt +drie planterscentra van de groep, om de eilanden al na drie weken te +verlaten en langs dezelfde route naar Sydney terug te keeren. Die +lijn vormt daardoor de snelste en ook de geriefelijkste verbinding +met Australië in acht dagen, terwijl de engelsche stoombooten voor +de reis elf dagen noodig hebben. + +Buitendien circuleeren nog verscheiden kleine stoombooten +en zeilschepen door de groep en trachten door hun komst in de +tusschenpoozen tusschen de australische booten wat te verdienen en +den kolonisten van dienst te zijn. + +Bij het wachten op de boot wordt de oogst, om bederf te voorkomen, +vaak tot het laatst uitgesteld, en als het dan regent, moet er weer +uitstel volgen, zoodat er op het laatst een zenuwachtig haasten +heerscht op de plantages, want als de producten niet klaar zijn, +om te worden ingeladen, blijft alles liggen, en de heele oogst is +verloren. Zoo moest de heer Ch. de helft van het veld, circa honderd +zakken, ongeplukt laten, daar hij ze niet meer verwerken kon. De +vochtigheid is juist aan het Canal du Segond verbazend groot; er +verloopt haast geen dag zonder regen. + +Wij stonden op het kleine koraalstrand, dat de oevers van het kanaal +omzoomt. Onze kleêren waren doorweekt van den regen, dien we hadden +meegenomen van het gras en de struiken van de plantage. Het water +leek slaperig en dik; alles rook modderig, en bruine regenwolken +kwamen aandrijven uit het midden van het eiland over de bergen +en het oerwoud. Door de zware lucht druilde een fijne motregen, +die alles doordrong. De messen in onze zakken gingen roesten, en +de lucifers wilden niet branden. Het was trouwens al maanden zoo, +en men behoeft zich niet te verwonderen, dat in die omstandigheden +de malaria haar slachtoffers maakte. De heer Ch. zag er na een jaar +al uit als een verlorene, broodmager, geel en uiterst zenuwachtig, +en met zijn vrouw was het al niet beter gesteld. Zij was een dame +uit de beste kringen, een Fransche, die haar man was gevolgd en met +hem voor zijn fouten boette. Ze hield zich dapper, kookte en waschte +en vervulde de plichten van een plantersvrouw, terwijl ze vroeger +zich in het geheel niet met de huishouding bemoeide. Tot steun had +ze enkel een inboorlingenvrouw, die weinig uitrichtte. + +We keerden terug naar het eenvoudige houten huis, dat ongeveer +tweehonderd meter van den oever verwijderd stond. De zwarte dekte juist +de tafel voor den avondmaaltijd, wat haar blijkbaar veel moeite kostte +en hoofdbreken, maar welke bezigheid ze verrichtte met kinderlijke +zorgvuldigheid en onder het uitstooten van moeilijk verstaanbare +inlandsche klanken en veel zuchten. Het was een gedrongen vrouwtje uit +het Noorden van Malekula, waar het ras leelijk is. Een laag voorhoofd, +kleine, diepliggende oogen en een mond als een snuit gaven haar een +dierlijk voorkomen. Daarbij was haar kleine hoofd kaalgeschoren, en +in haar mond ontbraken de middelste bovensnijtanden als bewijs, dat +ze eenmaal getrouwd was geweest. Wij mannen maakten ons vaak vroolijk +over het arme schepsel, maar voor de huisvrouw werd haar goedwilligheid +slechts een kale troost voor haar gebrek aan geoefendheid. + +Men kan trouwens niet ontkennen, dat de vrouwen van deze eilanden, +waar ze maatschappelijk laag staan, niet zoo leerzaam en intelligent +zijn als de mannen, omdat ze van der jeugd onderdrukt worden en tot +machinalen arbeid opgeleid. Maar in dien lichamelijken arbeid zijn ze +krachtig en flink en vlijtiger dan de mannen. Na het eenvoudige maal +van vleesch uit een bus, yams en bananen kwam de voorwerker, iemand, +die voor eenige jaren nog een echte wilde was uit het zeer gevaarlijke +en ook nu nog niet ontsloten noordelijk district van Malekula. Ook +zijn hoofd was kaalgeschoren met uitzondering van een plek boven het +voorhoofd, waar de mode een pruikje haren wil zien. Hij was welgebouwd +en zag er goed gevoed uit, terwijl hij zich met natuurlijke beleefdheid +bewoog. Hij had iets vriendelijks in den blik en hij sprak met zachte +stem. Zijn lijf leek in het lampenschijnsel een bronzen standbeeld. + +De heer Ch. zei hem, dat de menschen dien avond verder moesten werken; +maar vooraf wou hij hun een glas wijn geven ter opwekking. Aan alcohol +zijn de inboorlingen verslaafd, en gewetenlooze kooplieden maken daar +misbruik van. Wel is het afgeven van alcohol aan inlanders verboden +bij de wet van het condominium; maar van franschen kant wordt daar +niet de hand aan gehouden. Vandaar dat er niet weinig planters zijn, +die groote sommen door den alcohol verdienen en met hun handel den +ondergang van de inboorlingen bewerken. Anderen gaan daarbij indirect +te werk, door namelijk elken Zaterdag aan de zwarten wijn en jenever +te geven, waardoor dezen bij hen in schuld raken en vaak hun heele +weekloon verdrinken. Willen ze dan na afloop van hun contract naar +huis terug, dan wordt hun duidelijk gemaakt, dat zij bij hun meester +nog diep in de schuld staan en minstens nog een half jaar moeten +dienen, om hun schulden af te doen. De arme kerels drinken natuurlijk +verder en komen nooit uit de schuld en nooit naar huis. Deze praktijk +dateert nog maar van de laatste jaren en is een gevolg van het gebrek +aan werkkrachten, maar tevens is ze een manier van slavernij. Zoo'n +arbeider is namelijk zoo goed als rechtloos, omdat de blanken niet +tegen elkander zullen getuigen, en als er al eens een ambtenaar kwam +ter contrôleering, wat bij de Franschen haast nooit gebeurt, dan +kan de een of andere schriftuur gemakkelijk worden voorzien van een +kruisje, dat, onzinnig genoeg, als onderteekening van den inboorling +wordt erkend, en als document tegen den zwarte worden gebruikt. + +Mijn gastheer behoorde niet tot die klasse van planters; zijn +europeesch geweten was nog wakker. Maar het moet gezegd, dat hij, +helaas, zich ook hierin heeft geacclimatiseerd en later wel dingen +heeft gedaan, die hij als socialist eigenlijk niet zou kunnen +verantwoorden. Het afgeven van alcohol als medicijn aan zwarten, +dat geoorloofd is, maakt het misbruik maar al te gemakkelijk. + +De arbeiders waren dan ook dadelijk bij de hand, en ieder wachtte +begeerig, tot zijn beurt kwam; eenigen dronken haastig, anderen +met kleine slokjes als kenners; maar allen droegen zorg, zich ter +zijde te wenden bij het drinken, net of ze een soort van schaamte +gevoelden. Daarna gingen ze lachend aan het werk, en de zieken +verschenen ten tooneele. Het waren meest tuberculeusen, verkouden +menschen, menschen met verteringsbezwaren, koorts en infecties, en men +kan nagaan, dat de behandeling al heel primitief en ondoelmatig is. Er +wordt wat gewerkt met likkepotjes, patentmedicijnen en universeele +geneesmiddelen, en de blanken wagen zich er maar aan, want de goede +natuur geneest gelukkig veel, ofschoon de mensch haar wel eens in de +wielen rijdt. + +De heer Ch. heeft koorts, maar wij gaan toch naar de werkloods. Het was +pikdonker, en de lucht drukkend als in een warme broeikas. De branding +kon men hooren bruisen, en de regenwind zwiepte het oerwoud. Nu en +dan kraakte er een zware tak. Al uit de verte klonk het geluid van +de machine, die de maïskorrels uit de kolven haalt. Twee aan twee +draaien de arbeiders aan de drijfraderen, die hun amusement schijnen te +verschaffen, want hoe sneller en luider het gaat, des te onderhoudender +schijnen ze het te vinden. De paren zijn met zorg uitgekozen, en het +is een eer, zoo lang mogelijk en zoo krachtig mogelijk te draaien, +waarbij ze elkander met geschreeuw aanvuren. Het leek, alsof ze op +een dansfeest waren, waar ze ook den heelen nacht kunnen springen en +huppelen onder gelach en geschreeuw. Zoo kon men alleen den werklust +begrijpen, die allen had aangegrepen, en hun verlangen, om maar weer +aan de zware raderen te mogen draaien. + +Wij gingen bij den trechter staan en gooiden de groote kolven +tusschen de raderen. Er waren reuzenexemplaren bij, waarvan het haast +jammer was, ze te vermorselen. Maar onverbiddelijk gingen ze in de +machine, werden door de tanden gegrepen en onder knarsende ratels, +verwreven. Een heldergele stroom van maïskorrels en een armzalig dun +kolfje rolden uit de machine. Dat laatste wordt door de arbeiders op +zij geworpen, en er hoopt zich bij de machine een berg van maïskorrels +op. Met emmers worden de korrels naar de zuiveringsmachine gevoerd, +waar een systeem van zeven alle onreinheden verwijdert, waarna men +de maïs in zakken pakt, ze dichtnaait en merkt. + +Tegen middernacht stond een statige rij prachtig volle zakken in de +loods, en de heer Ch. gaf het sein tot ophouden, waarna de arbeiders +gingen slapen. Maar de meesten, door den dansduivel bezeten, wilden +niet van ophouden weten, en toen wij door een stofregen naar huis +gingen, hoorden we de machine weer dreunen. De heer Ch. was op van +de koorts, en vermoeid legden we ons te bed. Den volgenden morgen om +zes uur begon het werk in de koffie, en in den nacht was weer de maïs +aan de beurt. Dat duurt zoo drie dagen. Dan zijn de menschen doodmoe +en als lamgeslagen. + +Op een morgen kwam een inboorling aan het huis en meldde, dat er "men +bush" waren, menschen uit het binnenland. We gingen op de veranda en +zagen magere gestalten met zware haarvlechten met lichten tred over +het smalle pad naderen. Achter hen op eenigen afstand volgde een heele +schaar, die bij het laatste heestergroepje op den grond gingen zitten +en schuw en opmerkzaam rondkeken, terwijl de eersten wantrouwig het +huis naderden. Bijna allen droegen geweren, oude Snidergeweren, die +altijd geladen en gespannen zijn. De mannen bleven een poosje stom +bij de veranda staan, tot eindelijk een van hen in gebroken "pidgin" +Engelsch een woord mompelde. Hij duidde de waren aan, die hij en +zijn vrienden wilden koopen, messen, bijlen, patronen, kruit, tabak, +aarden pijpjes, lucifers, katoen en glazen kralen. "All right", zei +de heer Ch., en eenige mannen haalden van de achtergeblevenen keurige, +voor dit doel van palmbladeren gevlochten manden, vol copra. + +Ieder, vooral de vrouw, doet mee aan het dragen, en de last komt vaak +van ver uit hun dorpen en moet over slechte wegen worden vervoerd soms +dagen lang, om de gewenschte artikelen te erlangen. De manden werden +gewogen en de ervoor afgegeven hoeveelheid waren voor iederen korf +bepaald, waarbij de blanke hier een winst van honderd tot driehonderd +procent opstrijkt. Op andere eilanden moet hij zich tegenwoordig met +dertig procent tevreden stellen. Ieder stuk wordt door de zwarten +onderzocht; elke pijp geprobeerd of ze wel wil trekken; de lucifers +afgestreken, of ze willen branden, en de scherpte van de messen wordt +beproefd, terwijl de schuwe menigte op den achtergrond met gespannen +opmerkzaamheid toeziet. + +Toen de langwijlige ruil was afgeloopen, keerden de afgezanten terug; +het gezelschap stond fluisterend op en was in een wipje verdwenen. In +het dichtstbij zijnde bosch lieten ze zich neer, verdeelden de +inkoopen, die bestonden uit misschien een dozijn pakjes lucifers, +twee kilo tabak, twintig pijpen, een mes, een paar gordels en een +pak katoen, geen schitterende vergoeding voor den bezwaarlijken +tocht. Meestal overnachten ze dan nog in de buurt onder overhangende +rotsen, zoo maar op de steenen, gelegerd om een groot vuur, kauwen +wat scheepsbeschuit, die ze hebben gekocht en keeren des morgens +terug. Vaak hebben ze een beetje geld, als ze een paar dagen bij +een blanke hebben gewerkt. Ofschoon ieder planter een winkel heeft, +koopen ze toch veel liever bij zijn buurman uit een vaag, maar niet +volkomen ongemotiveerd wantrouwen. + +Voor een werktijd van langeren duur verhuren ze zich zelden en enkel, +als ze een grooter voorwerp willen koopen, meestal een geweer, +waar zonder de inboorling zich niet graag ergens vertoont. Dan +werken gewoonlijk een aantal mannen samen voor een enkele, die hen +later naar inlandschen trant voor de hulp schadeloos stelt, door hun +varkens ten geschenke te geven of hun op andere wijze diensten te +bewijzen. Op de plantages zijn ze vreesachtig, wantrouwend en vaak +lui, maar ongevaarlijk, zoolang men ze niet hindert of prikkelt. De +heer Ch. had lang achtereen al aan dertig van zulke daglooners +werk gegeven, tot eens één van hen in de nabij zijnde rivier viel, +hangen bleef tusschen geknikt bamboe en, daar hij niet kon zwemmen, +verdronk. Volgens de inlandsche rechtsbegrippen was dat de schuld +van den heer Ch., en hij had voor den doode boete moeten betalen, +wat hij uit onbekendheid met de volkszeden niet deed. + +Eerst was er algemeene ontsteltenis onder de vrienden van den +gestorvene; niemand wou meer naar de rivier gaan, en spoedig trokken +de menschen af, verschenen na een paar dagen met geweren en zwierven +om het huis, om bloedwraak te nemen. De heer Ch. werd door de +andere arbeiders, die van Malekula herkomstig waren, gewaarschuwd, +anders zou hij stellig verraderlijk vermoord zijn. Hij wapende +zijn lieden en ging zelf nooit ongewapend uit het huis; maar toch +duurde de onbehagelijke toestand eenige weken, eer de inboorlingen +tot kalmte waren gekomen en verdwenen. Voortaan kwamen nu echter ook +geen arbeiders meer. + +Men kon trouwens aan deze "men bush" geen vertrouwen schenken. Thans +waren ze nog onder den indruk van een goed geslaagde strafexpeditie van +een paar oorlogsschepen in het vorige jaar, toen eenige inboorlingen +een ouden, goedmoedigen planter, die de inboorlingen van alle blanken +wel het allerbeste had behandeld, plotseling doodgeschoten hadden +en zijn beide dochters met bijlen hadden geslagen, om zijn, naar ze +meenden, welvoorzien wapenmagazijn te rooven. Ze hadden echter niet +veel gevonden en moesten hun daad met het verlies van hun dorp en +hun have en goed boeten. + +Den derden avond was nu alles klaar voor de verzending. We zaten nog +aan den avondmaaltijd in de gewone zware, vochtige lucht. Plotseling +klinkt een lang gefluit: "De Pacific!" Alles springt op in blijde +verrassing, want de stoomboot brengt een beetje beschaving, en haar +aankomst is het besluit van een drukke week, de hoofdgebeurtenis aan +het Canal du Segond, want men rekent hier niet naar maanden, maar per +"Pacific". + +Alles snelt naar het strand en zet op bepaalde punten lantaarns +neer, om het schip de ankerplaats te wijzen. Dan gaat men in huis +terug, trekt een nieuw, wit pak aan en wekt de arbeiders uit den wel +verdienden slaap. Ze komen langzaam en nog half in den dut en weten, +dat hen een zware nacht wacht door het laden van de zakken in de +boot. Intusschen komt het schip snel nader, kolossaal en feestelijk +in de duisternis; dan zoekt het langzaam naar de plaats, waar het +anker moet vallen, en na een oogenblik ligt de lange rij van helder +verlichte vensters rustig op het water, en de spiegeling schommelt +onregelmatig op de golven door het zwart van den nacht. Dan duiken +ook al uit alle richtingen de bootslantaarns op van de aanvarende +planters, die hun lading opgeven en de post afhalen, om aan boord +een genoegelijken avond door te brengen. + +Er waren dezen keer nog een paar reizigers aan boord, planters van +andere eilanden, die naar Vila, Nouméa of zelfs naar Sydney wilden, +en spoedig was men aan het drinken en spelen, waaraan eerst een eind +kwam, toen de rooksalon gesloten werd. Den heelen volgenden dag bleef +de "Pacific" in het Kanaal, nam van alle planters goederen in, en +nog twee dagen duurde de feeststemming. Toen herstelde zich de rust +met het eentonige leven van iederen dag. + +Eenige dagen later beproefde ik aan den zuidwesthoek van Santo, waar +de inboorlingen uit het bosch zich vaak moesten vertoonen, dienst +personeel te huren. Een buurman van Ch. wou in zijn kleine kotter +erheen varen, om verfhout van de inboorlingen te koopen, hout, dat +ze gebruiken voor het verven van hun grasmatten. Hij dacht, dat dan +weer op Malekula aan inboorlingen te verhandelen. Ik verzocht hem, mij +mee te nemen, wat hij gaarne deed. Wij voeren dus op een regenmorgen +door het Kanaal, maar moesten spoedig ankeren, omdat er geen wind was +en de tegenstrooming ons dreigde, terug te voeren. We gebruikten den +wachttijd voor een bezoek aan den heer R., die behalve anarchistische +beginselen ook een kokos- en cacaoplantage kweekt, zoo flink in orde, +dat ze in scherpe tegenstelling was met zijn antikapitalistische +stellingen. Hij was een van die niet zeldzame fransche kolonisten, die, +afkomstig uit zeer bescheiden boerenkringen, van de koloniën niets +anders verwachten, dan zich een betere maatschappelijke positie te +scheppen. Spaarzaam, vlijtig, aan harden veldarbeid gewend, had hij +zich van een heel klein begin af langzaam omhoog gewerkt en was nu +nog op jeugdigen leeftijd eigenaar geworden van een groote plantage, +die hem tot een welgesteld man maakte en hem rijk zou kunnen doen +worden. Dat goede boerenslag, waar Frankrijk zoo rijk aan is, levert +de beste kolonisten, terwijl die menschen, die in korten tijd geld +willen vergaren, zooals mijn gastheer, niet buiten schulden bij de +handelshuizen in Nouméa kunnen blijven. + +Die huizen leenen geld tegen zeer hooge rente en verlangen bovendien, +dat alle waren van hen betrokken worden en alle voortbrengselen aan +hen moeten worden verkocht. De prijzen van hun goederen bepalen ze +zelf, zoodat de renten van het geleende kapitaal wel oploopen tot +dertig procent en meer. + +Naast die beide categorieën van planters van fransche afkomst is er +dan nog een derde, die ook met de Nouméa-groep in betrekking staat, +maar met het eiland Nou. Men zal die later ook leeren kennen. + +Nadat wij de plantage van den heer R. in voldoende mate hadden +bewonderd, waarbij hij zich iemand toonde, die elke plant kende +met naam en toenaam en overal een dor blad had af te plukken of +een takje af te snijden, voeren we verder en kwamen in den vroegen +morgen bij Tangoa aan. Op dat eilandje is de centrale school van +de presbyteriaansche zending, waarheen uit den geheelen archipel +de begaafdste inboorlingen worden gezonden, om te worden opgeleid +tot onderwijzer. Het uiterlijk van die school maakte een aardigen +indruk. De eene helft van het eiland had men ontboscht en tot groene +weiden gemaakt, waar groote boomen wat schaduw op wierpen. Op een +gedeelte ervan weidde het vee, een ander was tot park geworden, en +daarin lagen de woonhuizen van den directeur en de onderwijzers. Men +zou kunnen gelooven, een engelsch landgoed te zien. Ik gaf mijn +brieven aan den directeur af, en hij vroeg mij, of ik van plan was, +de "missing link" te vinden, wat hij heel grappig scheen te vinden. Ik +nam al spoedig afscheid. + +Wij brachten aan boord een paar dagen door; maar de inboorlingen kwamen +trots talrijke dynamietontploffingen, waardoor men aangeeft, dat men +met hen handel wil drijven, niet van de bergen naar beneden. We zagen +hun vuren ver in het binnenland bij de Piek van Santo. Wij flaneerden +langs den oever en vischten. + +Ik zag toen een methode van visschen, die elders ook wel wordt +toegepast,namelijk door vergiftiging van het water. Een der leerlingen +van Tangoa gebruikte de tijd van eb, om op de steenen in de poelen van +het rif een zekere vrucht kapot te wrijven. Het sap van die vrucht +verdooft na eenigen tijd de visschen, die dan onbewegelijk aan de +oppervlakte komen drijven of krampachtig in een kring rondzwemmen en +gemakkelijk met de hand kunnen worden gevangen. + +Nadat verscheiden dagen in ledigheid waren doorgebracht, geen prettigen +lediggang, want het regende onophoudelijk, en aan boord van de kotter +was weinig gerief, wou ik naar het Canal du Segond terugkeeren, want +ik verwachtte met de engelsche stoomboot mijn bagage, daar ik niet +alles aan boord van de "Gallia" had kunnen meenemen, en ik wilde mij +meteen een en ander aanschaffen voor het geval, dat het mij gelukte, +personeel te krijgen. + +Ik moest te voet gaan, want de kotter was nog niet klaar met de zaken, +maar ik kon voor den kleinen afstand geen gids huren. De afstand was +ongeveer vijftien kilometer, en ik besloot, alleen te gaan, hoewel +men het mij afried. Ik geloofde echter, met het kompas den weg te +kunnen vinden en in staat te wezen, met behulp van enkele paden er +mij door te slaan. + +Daarom marcheerde ik dienzelfden morgen met wat proviand en een +stomp kapmes weg, eerst op een goed pad, dat zich echter spoedig in +het woud verloor. Ik volgde met het kompas de richting, maar kwam +aan een lagune, die mij tot een grooten omweg noodzaakte. Toen +volgde ik een pad, dat plotseling ophield. Ik stond voor bijna +ondoordringbaar lianen-struikgewas, waar ik met mijn stomp mes haast +niet doorheen kon. Vaak klauterde ik over stammen of moest op handen +en voeten kruipen, en dan kwamen weer meer open plekken, moerassen, +rotspartijen, kortom, ik maakte in korten tijd grondig kennis met +het beruchte woud op Santo. Maar ik had toch het gevoel, verder te +komen en was wel eens bang, dat ik mijn doel al voorbij was gegaan. + +Tegen vier uur kwam ik aan een rivier, waarin ik waadde naar den +overkant; maar mijn teleurstelling was groot, toen ik zag, dat ik mij +niet meer dan vijftienhonderd meter van de op den morgen geziene lagune +had verwijderd. Dat was een schrale belooning voor de inspanning van +acht uren. Ik wou toch niet omkeeren en vervolgde mijn weg langs het +strand. Het was niet bepaald prettig loopen, daar op het strand van +die kantige stukken koraal lagen, en de uitgeslepen koraalbodem er +messcherpe punten en kanten had. Daarbij kwam ik telkens aan spleten, +waarin de branding bruiste, en waarover ik moest springen. Er brak een +koraalplaat onder mij, en ik kwam in een spleet en schaafde mij het +scheenbeen en de handen op onverkwikkelijke manier. Maar hier kwam +ik tenminste vooruit, beter dan in het oerwoud. Soms werd de oever +hoog, en er volgde een klimpartij. Tot overmaat van ramp overviel +mij de nacht, en in donker kon ik geen pas doen, zonder de kans te +loopen in een spleet te storten. Ik moest maar gaan zitten op den +koraalbodem, waar die het minst scherp leek, en wachten. Een poging, +om een vertroostend vuurtje aan te leggen, mislukte volkomen; de +nacht was pikdonker en er viel een fijne regen. + +Zelden heeft mij een nacht langer geschenen, en zelden voelde ik mij +zoo verlaten. Maar de schemering bracht nieuw leven; ik klauterde +verder, zwom door verscheiden lagunen, waarin, naar men mij later +vertelde, het van haaien krioelde, en ten slotte hielden de koralen +op. Nadat ik nog twee uren lang tot het middel door het zeewater +langs de kust had gewaad, zonk ik uitgeput bij de plantage van den +heer R. aan den oever neer. De eigenaar was afwezig, en de boys +verwezen mij naar zijn buurman, waar ik juist tijdig aankwam voor +het middagmaal. Dat smaakte uitstekend na de vermoeienis, al bestond +het slechts uit vliegenden hond. Een kotter nam mij op en bracht mij +"naar huis", naar den heer Ch. Ik had de onherbergzaamheid van het +oerwoud van nabij ervaren en heb sindsdien nooit meer wandelingen +zonder gids ondernomen. + + + +Na eenige dagen kwam de engelsche stoomboot, maar daarmee nog geen +uitzicht op verbetering van mijn positie. Ook de opmetingsexpeditie +kwam aan, maar daar ze zelf niet genoeg bediening had en vooreerst aan +de onbewoonde kust werkte, kon ik van haar vriendelijke aanbiedingen +geen gebruik maken. Ik bleef op de plantage en hield mij bezig, zoo +goed het ging, en las de heele collectie fransche romans van den heer +Ch., tot het hoofd mij omliep van al de dwaasheid. + +Eindelijk kwam er dan een gelegenheid, om ten minste "wilden" te zien. + +Greorges, de zoon van een buurman, had zich bereid verklaard, +voor den heer Ch. arbeiders te werven. Zooals ik al zei, is het +krijgen van werkkrachten voor den planter op de Nieuwe Hebriden het +hoofdprobleem. Vroeger had de werving plaats niet door de planters +zelven, maar door beroepswervers en was geworden tot een formeele +slavenjacht. Met hun schepen kwamen ze aan de kust, schonken sterken +drank aan de inboorlingen en sleepten ze in dronkenschap aan boord, +om ze te verkoopen, of lokten ze door allerlei voorspiegelingen op het +schip, om ze dan op te sluiten. Veelzijdig en wreed waren de middelen, +die deze zeeschuimers gebruikten. Moord en doodslag waren aan de orde +van den dag, en het was dan ook geen wonder, dat de wervers door de +inlanders gehaat werden en aangevallen werden, waar de gelegenheid +zich maar voordeed. + +De betere elementen onder de kolonisten konden met die toestanden geen +vrede hebben, en de regeering ziet tegenwoordig op de werving toe; +beroepswervers zijn er nog maar weinige, daar de inboorlingen zich +alleen willen laten huren door een eigenaar van een plantage, dien ze +hebben gezien, en ieder planter vaart thans zelf op zijn zeilboot uit, +om arbeiders te zoeken, waar hij maar denkt, ze te zullen vinden. + +Terwijl van engelsche zijde zeer strenge voorschriften de werving +regelen, en aan de bepalingen nadrukkelijk de hand wordt gehouden, is +het bij de Franschen, precies als bij den alcoholhandel, de regeering +drukt een oogje toe en bemoeit zich op de noordelijke eilanden zoo +goed als niet met de werving en de behandeling van de arbeiders. Er +gebeuren daar in stilte nog allerlei gruwelen, en men mag gerust +beweren, dat de slavernij er nog bloeit. + +Op de volgende bladzijden zal men nog hooren van een paar gevallen; +maar ik wil hier toch een en ander over de werving vertellen. + +Terwijl in vroeger jaren de inboorlingen door onervarenheid, +door reislust en begeerte naar handelsartikelen bij honderden +op de werfschepen werden gedreven, is dat tegenwoordig slechts in +weinige en zeer afgelegen districten het geval. Daarentegen kennen de +inboorlingen de toestanden, die ze zullen aantreffen, en ze kunnen, +indien ze willen, al wat hun hart begeert, zich door den handel in +copra verschaffen. Dus nu komen er heel andere prikkels in werking, +die de inboorlingen naar den arbeid drijven. + +Vaak is het bij jonge mannen de wensch, naar den vreemde. te trekken, +andere eilanden te zien en uit de engte van den eigen kring te komen, +waar, vooral op sexueel gebied, strenge regels gelden, en waar de heele +stam op hen toeziet. Menigmaal is het ook de wensch, geld te verdienen +voor den aankoop van de thans zeer dure vrouwen, die ze niet kunnen +missen bij het winnen en bereiden van de copra. Dan drijft velen de +angst voor de vervolging van machtige hoofden en toovenaars, om een +toevlucht te zoeken op de werfschepen. Maar behalve aan hen bieden deze +schepen ook een schuilplaats aan allerlei misdadigers, wien de grond +onder de voeten thuis te warm is geworden, en aan de liefdespaartjes, +die aan de woede willen ontkomen van een wraakgierig bloedverwant of +een bedrogen echtgenoot. Zoo wordt het werfsysteem indirect een steun +voor de toch al voor het ras zoo nadeelige anarchie en zedeloosheid, +ja, het is daarop eigenlijk alleen gebaseerd. Dit zien de wervers wel +in, en daarom stoken ze zoo dikwijls de vuurtjes, die wanorde stichten. + +Als men weet, dat er ergens in het land oorlog is, dan verzamelen zich +aan de kust de schepen, om de vluchtelingen op te nemen. Is er geen +oorlog, dan zoekt men ook wel door intriges verwarring te stichten. Men +deelt alcohol uit, die twist veroorzaakt, en neemt den volgenden morgen +de inboorlingen, die physieken en moreelen Katzenjammer hebben, aan +boord of overreedt dronken knapen tot meegaan door voorspiegelingen +van de vreugde, die hen wacht op de plantages, waar wijn en vrouwen +zijn en dansen. Lukt het ook dan niet, dan overvalt men badenden aan +het strand of drijft heele familiën door gewapenden, die veelal van +de Loyalty-eilanden komen, naar de schepen. Ook tracht men vrouwen te +lokken, om door haar de jongelieden aan te trekken. Neen, het zijn geen +mooie middelen, die het meerendeel der wervers aanwenden, en het is +gemakkelijk te begrijpen, dat ze bijna overal, waar ze zijn geweest, +een verscheurd familieleven, ontevredenheid en wrok achterlaten en +een sterken haat tegen zichzelven en tegen de blanken in het algemeen. + +Er zijn vooral onder de engelsche kolonisten velen, die zich, hetzij +noodgedrongen of uit principe, in het geheel niet van zulke middelen +bedienen. Dan hebben verscheiden van die kolonisten een bepaald +recruteeringsdistrict, waar zij en hun plantages goed bekend zijn, +waar de inboorlingen dus weten, welke behandeling hen wacht, en weten, +dat ze ter rechter tijd naar huis worden gebracht en hun volle loon +meekrijgen. Die kolonisten hebben dan ook bijna altijd een voldoend +aantal arbeiders. + +De techniek van het werven houdt in, dat het kleine zeilschip een +paar honderd meter uit de kust voor anker gaat liggen en twee booten +met gewapende bemanning naar den wal stuurt, waar één boot zich +dichtbij de kust ophoudt en met de aan het strand op het hooren van de +dynamietontploffing te zamen gekomen bevolking een bespreking houdt, +terwijl de andere boot verder naar buiten de inboorlingen bewaakt, +om bij den eersten aanval op hen te vuren en de eerste boot den +terugtocht gemakkelijk te maken. De blanke blijft meestal aan boord +van de zeilboot achter. Die voorzichtige taktiek is nu nog maar op +weinig plaatsen noodig, doch daar men nooit kan weten, wat de blanke +voorganger op zulk een plaats heeft uitgevoerd, en de inboorlingen +dan daarvoor op den volgende blanke wraak nemen, is het wijs, den +ouden regel te volgen. + +Ik wil hiermee niet beweren, dat de inboorlingen nooit zonder +provocatie aanvallen. Dat overkwam al aan Cook op Erromango, +en hij had toch stellig nooit de inboorlingen gekwetst, op welke +manier ook. De Melanesiër echter is een bloeddorstig wezen, als hij +meent, de sterkste te zijn; maar tegenwoordig moeten stellig zonder +uitzondering alle aanvallen op werfschepen op de Nieuwe Hebriden aan +misgrepen van blanken worden toegeschreven. + +Daar een van de regeeringen van het condominium zoo goed als niets +uitvoert, wat de misbruiken kan tegengaan, en aan den anderen kant +de plantages zonder voldoende werkkrachten te gronde moeten gaan, +zou het in het belang van de inboorlingen zijn, alsook in dat van de +planters, als het tegenwoordige werfsysteem geheel werd afgeschaft +en daarvoor in de plaats een arbeidersconscriptie werd ingevoerd van +wege de regeering. Daarmee zou het ras zijn gediend en de degelijke +kolonisatie eveneens. + +Het werven van arbeiders is dus volstrekt geen onschuldig of gevaarloos +werk, vooral niet aan de noord westkust van Malekula, waar nog totaal +primitieve en zeer krijgshaftige en groote stammen wonen. + +Georges, onze kapitein, was een merkwaardige knaap. Hij was zeventien +jaar, maar men zou hem best veertig kunnen geven. Bleek, met kleine, +grijze oogen en een wantrouwigen blik, een zwak gekromden neus, +smalle lippen, liep hij met hooge schouders en gebogen knieën altijd +blootsvoets, in een blauwen werkmansbroek, een groen hemd en met een +ouden, verweerden vilten hoed. Hij sprak weinig, en als hij praatte, +gebeurde het zoo snel en zacht, dat haast niemand hem kon verstaan +behalve zijn boys, die instinctmatig zijn bevelen begrepen. Maar +hij was een uitstekend zeeman, kende de zee op zijn duimpje en wist +zijn scheepje te besturen. Dat scheepje, drie meter breed en zes tot +zeven meter lang, was zeer geschikt voor een verblijf van een dag of +twee, drie; maar voor een reis van verscheiden weken was het totaal +onvoldoende, vooral omdat het dek door talrijke kisten en voorraden +was ingenomen, zoodat voor ons beiden slechts een kleine ruimte bij +het stuur en de miniem kleine hut overbleef. Die hut was twee meter +lang, anderhalven meter hoog, en daar waren al onze voorraden gepakt, +de kleêren, de geweren, de ruilgoederen enz. Alleen kruipend kon men +er zich bewegen, en als we met ons beiden waren, moesten we ons in +de onmogelijkste bochten wringen, om naar dit of dat te reiken. + +Bij mooi weêr, als men zich op dek in de frissche lucht kon ophouden, +leek het best uit te houden, maar bij regen, en het regende zeer +dikwijls en hevig, als men zich redden moest naar de kajuit, was het +heel onaangenaam aan boord. Maar de heer Greorges had geen oog voor +dergelijke kleinigheden. Ofschoon hij alles met gemak veel dragelijker +had kunnen maken, gaf hij zich daarvoor geen moeite. Het zonne- en +regenzeil werd zoo laag gespannen, dat men er net niet meer recht onder +kon staan, en hoe irriteerend dat op den duur werkt, weet ieder die +het heeft ondervonden, terwijl het even goed anders zou hebben kunnen +gebeuren. Voor het eten had hij daarbij volstrekt geen zin. Niet enkel +had hij blijkbaar geen fijnen smaak, maar ook geen menschelijke maag, +want als hem maar het een of ander eetbaars in de hand kwam, rauw +of gekookt, etenstijd of niet, hij slikte het begeerig naar binnen, +en hij vond het een overbodige beslaglegging op zijn boys, wanneer ik +nu en dan mij wat rijst kookte of een bord liet wasschen. Zoo had hij +eigenlijk altijd gegeten, en als ik hem vertelde, dat het etenstijd +was en de maaltijd klaar stond, hulde hij zich in zijn dekens en +legde zich, zonder een woord te zeggen, neer, om te slapen. + +Het gevolg van een en ander was, dat ieder van ons zijn eigen leven +leidde, wat de materiëele zijde betrof. Maar de gemoedelijkheid, die +voor de vele ontberingen aan boord wat vergoeding had kunnen geven, +ontbrak geheel. Intusschen, het ging zoo ook wel. + +Sinds vele weken was het de eerste zonnige dag, toen we ons door de +strooming uit het Kanaal lieten drijven; de riemen moesten helpen, +als het al te langzaam ging. Na verscheiden uren kwamen we in de open +zee; een frissche bries kreeg vat op ons, en vliegensvlug lieten we +Santo en de kleinere eilanden Aoré, Malo, Tutuba achter ons. + +Blauwe, met wit schuim gekroonde golven hieven ons op, zoodat we ver de +prachtige zee konden overzien; maar dan zonken we weer in een golfdal, +van waaruit we de nabijzijnde golven dreigend zagen naderen. Achter +ons schommelde de eene roeiboot zigzagsgewijze mee, zwevend als een +eend op het water. + +In den laten namiddag naderden we de noordpunt van Malekula en +volgden dan de westkust naar het Zuiden, naar het land van de "Big +Nambas", ons reisdoel. In tegenstelling met de andere eilanden van +den archipel biedt Malekula hier niet den aanblik van een dicht, groen +tapijt. We zagen hier niet het ondoordringbare oerwoud met de wuivende +kronen, de vele schakeeringen van het groen en de veelsoortigheid +van den plantengroei, maar een nog al magere vegetatie, gras op +de koraalriffen, eenige boschjes erachter, dan schraal woud tegen +steile heuvels, op welker ruggen hoog bruingroen gras groeide. In +het grijze licht, dat door nevels brak, was het niet juist een +verheugende aanblik. + +Langs een verbrokkelde koraalkust, waar nu en dan een lichtgekleurd +strand zich vertoonde, voeren we langzaam verder en wierpen tegen den +nacht het anker uit in helder water, waarin men tot op een diepte van +wel vijftien meter de wonderbare vormen van de koraalbanken en hun +diepe, geheimzinnige kleuren kon herkennen. Het water was kalm als in +een vijver, en toch bevonden we ons aan het strand van die reuzenzee, +die zich naar het Westen tot aan de Torresstraat uitstrekt. + +Wolkenflarden dreven over de steile heuvels aan den oever, de +sterren schenen waterachtig; het was heel eenzaam en stil, nergens +een vuur of eenig geluid. Op het dek uitgestrekt, luisterde ik naar +de branding, die zich in de vele bochten nu eens luider, dan weer +zachter deed hooren. Het is het geweldige reinigingsproces van de +zee, het onophoudelijke vermalen en uitwerpen van alle onreinheden, +het langzame, onweerstaanbare verkleinen en vernietigen van allen +afval van het vasteland, ja, van het vasteland zelf. + +De streek Big Nambas, aan welker kusten we ons bevonden, draagt haar +naam naar de grootte van een zeker kleedingstuk, dat ten deele onze +broek vervangt. In verschillende vormen is de nambas bijna in den +geheelen archipel bekend, maar nergens vindt men het kleedingstuk in +zoo kolossale afmetingen als hier. Big Nambas is nog de minst bekende +streek van de eilandengroep; bijna nog nooit heeft een blanke het +binnenland daar betreden. In tegenstelling met andere streken hebben +de inboorlingen hier nog hun strenge organisatie behouden, en dat is +waarschijnlijk de reden, waarom ze niet gedegenereerd en machteloos +zijn geworden. + +Onder hen is nog de oude hoofdeninstelling krachtig, wat een waarborg +is voor de orde in hun staatswezen. Het hoofd heeft natuurlijk het +grootste belang bij het in standhouden van zijn machtsmiddelen, in de +eerste plaats bij het aantal van zijn krijgers; hij onderzoekt daarom +streng iederen moord of doodslag en iedere daad van wraak, die hem op +een krijger kon komen te staan. Evenzoo verhindert hij kindermoord, +zoodat hij, trots zijn willekeur, zijn hebzucht en wreedheid, over +het geheel voor den stam zegenrijk werkt. + +Bijna overal is de eerbied voor het hoofd sterk verminderd, en het +gevolg is, dat ieder alleen voor zijn eigen belangen zorgt, en zich +recht verschaft en voordeel door wapengeweld en vergift, zoodat heele +stammen binnen een enkele generatie geslonken zijn tot op een tiende +van hun aantal. Daarbij kwamen kindermoord en veel ziekten, om het +vernielingswerk te voltooien. + +Maar, zooals gezegd, Big Nambas is nog krachtig en kan de blanken op +een afstand houden. Omdat echter van daar de opgewektste en flinkste +arbeiders komen, beproeven de wervers telkens weer, er vasten voet te +krijgen, wel met weinig resultaat, maar ze winnen toch enkelen. Op onze +boot was als tolk een man uit Big Nambas, en van de vijf andere boys +waren vier van Aoba, die een heel ander type vertoonden in voorkomen +en taal, terwijl er één van Malekula bij was. + +Bourbaki, zoo heette onze man uit Big Nambas op de plantage, had zich +vóór twee jaren laten aanwerven. Toentertijd was hij de moordenaar +geweest van het groote hoofd met honderd-vijftien vrouwen, en nu was +hij een zeer bruikbaar arbeidsleider op de plantage van den heer +Georges. Een gemoedelijke, vroolijke vent, met brutaal gezicht en +kleine, sluwe oogen, die zich in de europeesche kleeding zeer goed +kon schikken. Hij was een van de weinige inboorlingen, die openlijk +erkende, hoe smakelijk menschenvleesch was, en een jaar geleden moet +hij ontroostbaar zijn geweest, toen hij bij een bezoek thuis een +dag te laat kwam voor een kannibalenmaaltijd, en moet zijn vader +bittere verwijten hebben gedaan, dat hij niet een portie voor hem +had bewaard. Maar, afgezien van die smaakafdwaling, was Bourbaki een +zeer net mensch, betrouwbaar, dienstvaardig en innig verheugd, nu en +dan zijn papa en mama weer te zien. Wij hoopten, dat hij ons bij het +werven goede diensten zou bewijzen en beloofden hem commissieloon. + +Toen Bourbaki zich had laten aanwerven, was het hoofd woedend geweest, +dat hij zijn beul verloor en had bevel gegeven, den werver, een +zwager van den heer Georges, te dooden. Eenige inboorlingen loerden +op hem aan het strand en schoten op hem, toen hij in zijn boot ging; +de blanke werd licht gewond, en een inlandsche vrouw, die achter hem +in de boot zat, werd gedood. De boot verwijderde zich snel. Bourbaki +vond het zoo erg niet, nu er maar één vrouw bij was omgekomen. + +De morgen was donker en regenachtig. We lieten een dyamietpatroon +ontploffen en wapenden ons tot de tanden. Elk van ons had een +revolver en een repeteerkarabijn; de boys kregen een oud geweer en +vier patronen. De boot lag ongeveer tweehonderd meter van den wal; +we konden het vlakke strand overzien. Daarachter steeg de dicht +beboschte oever steil omhoog tot honderd meter hoogte. + +Op het water waren wij volkomen veilig, want de inboorlingendorpen +liggen vrij ver naar het binnenland, en de menschen zelf schuwen +de zee en komen enkel naar het strand, om nu en dan tusschen het +koraalgesteente wat schelpen en mossels te zoeken. Ook bezitten ze +geen vaartuigen, in tegenstelling met de oeverbewoners uit andere +streken, die met hun primitieve boombooten met uitleggers vaak verre +reizen naar naburige eilanden ondernemen. + +Wij brachten Bourbaki, die zeer er naar verlangde, zijn verwanten te +zien, naar land; op een smal pad verdween hij in het bosch met het +geweer over den schouder. + +We keerden naar de boot terug en wachtten. Men mag bij het werven niet +op tijd zien, maar moet zich wapenen met veel geduld, want alleen +daardoor kan men op eenig succes hopen. De zwarten zelf hebben geen +idee van de waarde van den lijd en geen begrip van de haast, die onze +beschaving in het leven heeft geroepen. + +In den namiddag verschenen eenige naakte gestalten aan het strand. Eén +van hen wenkte met een tak. Weldra kwamen er meer, en op het laatst +waren het ongeveer vijftig man; op den achtergrond, half verborgen +in het bosch, stonden eenige vrouwen, ongeveer een dozijn. + +We gingen in de booten, telkens twee boys en een blanke, en naderden +langzaam de kust. De inboorlingen droegen geweren in de rechterhand +en in de linker groote yamsknollen. Ze wilden ruilen. We beduidden +hun, dat ze de geweren moesten neerleggen. Toen ze dat niet deden, +spanden wij de hanen van onze geweren en toonden ons gereed, om te +schieten. Daarop legden enkelen de wapens aan den boschrand neer, +en de anderen gingen met hun geweren zitten en keken naar ons. Toen +legden ook wij de geweren in de boot en toonden onze ruilwaren, tabak, +lucifers, aarden pijpen en katoen. + +Het waren meest allen knappe mannen van iederen leeftijd. Hun uitzien +was echter wild en dreigend, toen ze met hun yams naar de booten +toekwamen. De knollen waren zeer groot en wij gaven één of twee rollen +tabak ervoor of pijpen. Katoen en lucifers waren niet erg in trek. De +menschen waren geheel naakt buiten een gordel van palmbast, dien ze +eenige malen om het lijf hadden gewonden, zoodat hij als een dikke +rol afstond. Daaromheen hadden ze gevlochten banden geslingerd van +rood gekleurd gras, waarvan de uiteinden als langen kwasten ter zijde +afhingen. Onder den gordel hing de nambas, die ook van rood gekleurd +gras was vervaardigd. Daarbij kwamen nog kleinere sieraden, als +oorringen van schildpad, bamboe-kammen, armbanden en halskettingen van +schelpen. Maar op de mooie, lenige lichamen zat een hoofd, dat aan de +geschiedenissen van menscheneters uit sprookjesboeken kon herinneren. + +Boven de oogen en den neuswortel stak het voorhoofd vooruit en +daaronder gluurden de oogen loerend en onrustig, en hun duistere blik +werd niet verzacht door de bruinachtige kleur van het oogwit. De +neus was een beetje gebogen met dikke neusvleugels, die door een +bamboestaafje nog verbreed leken. De bovenlip was meestal kort +en bedekte maar half een opvallend breeden mond met een stevig +gebit. Men denke zich het heele gezicht omgeven door lange, ruige +haren en baard en besmeerd met een zwarte vetlaag, dan heeft men een +goede voorstelling van de zoo moderne kannibalen. + +Wij hadden in het begin niet veel trek, aan land te gaan en +hielden onze vis-à-vis goed in het oog. Die werden langzamerhand +vertrouwlijker, vergaten hun schuwheid en gedroegen zich als +luidruchtige, vroolijke kinderen; maar de minste heftige beweging +van onzen kant deed hen opschrikken en achteruit gaan. Zoo gingen +velen op de vlucht, toen ik haastig een aarden pijpje wou grijpen, +dat van de zitplaats ging vallen. + +Nadat onze booten met yams waren gevuld, waagden we, aan land te +gaan. Wantrouwend stonden ze om ons heen, elke onzer bewegingen +bespiedend. We lieten hun onze wapens zien, die ze met bewondering en +verbazing bekeken. Hoe grooter de patronen en de kogels waren, des +te meer indruk maakten ze, en onze revolver beschouwden ze met een +verachtelijk schouderophalen, tot we ermee begonnen te schieten. Bij +elken knal wendden ze zich verschrikt af en lachten dan om hun eigen +angst, maar hadden van toen af groot respect voor "them small fellow +musquets". + +Geleidelijk werden ze driester, kwamen nader en begonnen ons +aan te raken, eerst met de toppen van de vingers, dan met de +hand. Ze wilden alles zien, onze patroontasschen, onze kompassen, +enz. Fluiten en smakken met de lippen waren de teekenen van eerbied +en bewondering. Toen er niets meer te kijken viel, werden wij zelf +de voorwerpen van onderzoek, en daar ik daaraan niet gewend was, kon +ik het moeilijk verdragen. Het ging nog, dat ze hun donkere armen +en beenen naast onze lichtere huid hielden, en dat ze liefkoozend +over de zachte huid van de binnenzijde der armen streken; maar toen +ze ook de stevigheid van de bovenarmen en de dijen onderzochten en +met kennersdruk de consistentie van onze spieren nagingen, daarbij +onverstaanbare klanken uitend en heftig smakkend, blijkbaar tevreden +over het resultaat, toen werd het mij hoogst onbehagelijk te moede, +vooral toen ik een man van begeerte zag trillen en van den eenen voet +op den anderen zag springen. In zoo'n geval is het gevoel, met zijn +beiden te zijn en een wapen te hebben, innig troostrijk. + +Langzamerhand waren we den boschrand genaderd en konden tersluiks +eens naar de vrouwen kijken. Zij hadden grasschorten om het lijf +en een merkwaardige hoofddracht van gerolde vlechten van gras. Allen +hadden haast kinderen, die ze op de heupen droegen. Velen hadden groote +wonden van het zitten in vocht en vuil aan haar beenen en enkels. Men +drong ons echter vlug weg van de vrouwen en joeg ze in het woud; na +eenigen tijd was het strand eenzaam, en wij keerden naar de boot terug. + +Tegen den avond kwamen weer eenige mannen aan het strand. Vergenoegd +over de gekochte tabak, dansten ze een vreugdedans, van den eenen voet +op den anderen springend, zich draaiend en erbij zingend met lagen, +eentonigen klank. Het rumoer en het hinnikende lachen klonken door de +schemering. Toen de nacht aanbrak, werd het rustig, en ze verspreidden +zich aan het strand, ontstaken vuren en roosterden hun yams. In de +verte bliksemde het, de branding bruiste, het scheepje stampte, en +de roeibooten stieten er onrustig tegenaan. De wind ruischte door +het oerwoud, en nu en dan rolde de donder. Wij voelden ons eenzaam; +zou er storm komen? Op ons notedopje waren we niet veilig. Na de +lamp te hebben uitgedaan, gingen we op het dek liggen. Daar sliepen +we in, tot een hevige regen ons opschrikte. In een oogwenk was het +dek overstroomd; we trokken ons in de hut terug en brachten in de +benauwde ruimte een onaangenamen nacht door. + +Den volgenden morgen waren weer een twintigtal mannen aan het +strand. Het spelletje van den vorigen dag herhaalde zich. Nu +en dan trokken we ons op de boot terug; maar de menschen werden +vertrouwelijker, kwamen zonder wapens, en toen hun voorraad yams +was uitgeput, gingen ze naar het dorp terug. Een oogenblik van +rust gebruikten we, om langs het smalle, glibberige pad den hoogen +oever te bestijgen. Halverwege stieten we op twee oude mannen, die +yams droegen. Bij onzen aanblik beefden ze sterk, bleven staan en +begonnen te praten. Wij legden de geweren neer en wenkten, dat ze +naderbij moesten komen. Toen wierpen ze hun yams weg en vluchtten in +het dichte struikgewas. We gingen maar terug, om niemand te prikkelen. + +Des avonds kwamen langs de kust uit het Zuiden een troep inboorlingen +met yams. Ze naderden voorzichtig en tot schieten klaar. Ze waren van +een anderen stam, die met den stam hier oorlog voerde. Ze hurkten +neer, altijd bereid, om op te springen en nauwkeurig den boschrand +bespiedend. Eén van hen sprak een beetje pidgin-Engelsch. Ze noodigden +ons uit, bij hen te komen en yams te ruilen. We beloofden het voor +later. Daar klonken roepstemmen uit het bosch. Plotseling sprongen +ze op en liepen weg. Georges wou met hen spreken en ijlde achter hen +aan, met de karabijn in de hand. Toen zwaaiden ze dreigend met hun +geweren en verdwenen achter de rotsen. Ze meenden, dat wij op ze wilden +schieten. Zoo ontstaan wel meer misverstanden, die met schieterijen +en moord eindigen, als men niet de grootste kalmte bewaart. + +Den heelen dag regende het in sterke buien; alles was vochtig, en de +nacht was donker en stil. We leden in de stiklucht van de hut. + +Des morgens kwam Bourbaki terug met een schaar inboorlingen. Weer +werden wij betast en bewonderd. Ik liet enkele mannen met een geweer +schieten, waarbij ze het wapen ver van hun lichaam hielden en op goed +geluk schoten. Bourbaki vertelde, dat er over een paar dagen een groote +slachtpartij van varkens zou plaats hebben, en dat tot dien tijd alle +menschen het druk hadden. Het hoofd was niet te spreken en bleef voor +ieder onzichtbaar, behalve voor een bediende, die hem zijn eten bracht. + +Wij landden een geitje en twee varkens. Het geitje wekte groote +verwondering, en niemand waagde, het aan te raken. Bourbaki gelukte +het, drie oude mannen aan boord te lokken. Onhandig gingen ze in de +booten en angstig hurkten ze op het dek van het schip, stom en met +groote oogen. Slechts langzaam overwonnen ze hun schuwheid en bekeken +alles. Een kookpan bracht hen in verrukking en smakkend betastten ze +de planken van het schip, terwijl de aanblik van de hut hen sprakeloos +maakte van bewondering. Als ze iets niet begrepen, haalden ze den +rechterschouder op. We lieten hun een spiegeltje zien. Het duurde +lang, eer ze het gebruik uitvonden; maar toen ze begrepen, dat ze +zichzelf erin konden zien, lachten ze luid en staken de tong uit. Al +spoedig zagen ze in, dat de spiegel een toiletinstrument kon wezen +en staken lucifers in hun haar ter verfraaiing. Een horloge wekte +een geresigneerd schouderophalen en maakte verder geen indruk. Geld +wilden ze zien; maar ze waren teleurgesteld en hadden het zich heel +anders voorgesteld. + +Zelfs een goudstuk liet hen koud; een stukje papier hadden ze +liever. Daarentegen imponeerde hen onze voorraad patronen kolossaal. We +lieten Bourbaki vragen, of wij het groote feest mochten bijwonen, +en of ze ons niet zouden opeten. + +Na een uur verlieten ze ons weer, wel minder angstig dan ze waren +gekomen, maar toch blij, het schip te kunnen verlaten met al zijn +wonderen. Bourbaki maakte zich vroolijk over hun naïeveteit en kwam +zich verbazend beschaafd voor; maar hij is zelf nog ruw en vertrouwt +mijn fotografietoestel maar half. "De blanke man weet te veel", +is zijn uitspraak. + +Het regende den geheelen dag, en eerst tegen den avond klaarde het +op. Eenige inboorlingen bleven den nacht over aan het strand. Ze +maakten vuur en zongen. Onze boys lachten om hen, bootsten het +gezang na en voelden zich ver verheven boven de wilde boschmenschen, +vergetend, dat voor slechts enkele jaren zij zelf niet veel beter +waren, en dat ze, als ze naar hun dorp terugkeerden, al gauw alle +beschaving weer zouden hebben afgeschud. + +Langzamerhand werd het stil; alleen de branding was te hooren. We +sliepen weer op het dek en werden als te voren door een regenbui +opgeschrikt, om ons te redden in de nauwe hut. Den volgenden dag +verschenen er haast geen inboorlingen. Ze hadden het druk met de +voorbereiding van hun feest. Wij hadden niets te doen. Onder de grauwe +lucht en den stofregen kreeg de verveling vat op ons. Men bespeurt de +ongerieflijkheden van het leven en krijgt een gevoel, zijn tijd te +verliezen, wordt prikkelbaar, stoot zich aan kleinigheden en maakt +zich noodeloos boos. Als mijn metgezel maar minder slecht gehumeurd +was, zou het beter gaan. Men mist het rustige praatuurtje 's avonds +bij een kopje thee en een pijp. Alleen zijn zou beter wezen dan deze +eenzaamheid met z'n tweeën. + +Onder het luisteren naar de branding begreep ik voor de eerste +maal dat verlangen, dat de wind toch bericht mocht brengen uit het +vaderland. Is dat heimwee? Toen er een paar heldere dagen kwamen, +werd alles dadelijk beter. De boot leek geriefelijker, en het groene +tapijt van het oerwoud langs de rotsen maakte meer indruk. Het was +doodstil; alleen lokte in de verte een vogel in het woud. Dan deed +het goed, in het zand te liggen en te vegeteeren, zonder gedachten, +slechts overgegeven aan de zaligheid van het bestaan. + +Twee groote wilde zwijnen kwamen dien avond aan het strand en groeven +uit het zand de yams, die de inboorlingen er begraven hadden. Een +jacht, die niet slaagde, gaf ons wat beweging en afleiding. We konden +gerust ons van de boot verwijderen, want de inboorlingen waren allen +boven, in hun dorpen. Heerlijke zonsondergangen besloten heldere +dagen. Een wolkenbank bedekte half de zon, die gloeiend zich met +de zee scheen te verbinden. Naar boven schoten heldergele stralen +in den staalblauwen hemel. Daarna loste alles zich op in een zee +van vuur, en spoedig viel de nacht. De sterren blonken, eerst het +zuiderkruis. Halley's komeet was nog flauw te zien. + +Des morgens was de hemel wolkenloos en doorliep alle kleuren, tot de +stijgende zon hem stralend blauw kleurde. Dan ziet men op den bodem van +de zee elken steen, ziet de wonderbare koraalbanken, de bizarre vormen +van de afzonderlijke groepen, de gedempte en toch vurige kleuren, rose, +violet en geel, dat schittert als gedegen goud. Daarop liggen groote, +blauwe zeesterren; reusachtige visschen in heldere tinten strijken +langzaam en welbehagelijk langs de klippen; kleine schieten haastig +als dol ertusschen door, sommige zuiver blauw getint. Alles ademde +welbehagen en vrede. + +Bourbaki kwam met zijn broertje. Hedenavond zou het groote feest +beginnen; ik vroeg hem, of er veel varkens zouden wezen, om te worden +geslacht. "O", antwoordde hij, "dat beteekent niets; wij hebben een +mensch. Gisteren hebben we hem in het bosch gedood en hedenavond zullen +we hem opeten". Hij zei het met het kalmste gezicht ter wereld, alsof +hij het over het weêr had. Ik moest mij geweld aandoen, niet van hem +weg te gaan en keek hem ongerust in het gelaat. Hij keek verloren in +de ruimte, alsof hij al aan het maal smulde, nam een stuk kokosnoot +en rukte met zijn sterk gebit het vleesch van de schaal. Dien heelen +morgen was hij zeer vergenoegd en behulpzaam. + +Des middags ging Bourbaki weer weg en twee dagen lang zagen wij geen +inboorlingen. Ze waren allen boven in het dorp bij het groote feest, +terwijl wij de dagen in doffe rust doorbrachten. Eentonigheid overal; +de zee en het strand en het oerwoud, alles werd vaal en grauw onder +de regenlucht. Wat is men toch afhankelijk van de omgeving! Een +zonnestraal kan leven brengen en onze stemming meteen verhelderen. + +Den derden dag kwam Bourbaki terug, wat vermoeid en gedrukt, maar +zichtbaar tevreden. Eenige vrienden vergezelden hem. Hij bracht een +boodschap van het hoofd, waar we zeer mee waren ingenomen. Het hoofd +liet zeggen, dat hij ons welgezind was en niet ongenegen, ons boys te +leveren. Hij had echter nu nog in het dorp te doen en zou eerst over +tien dagen aan zee komen, om ons te bezoeken. Tot zoo lang moesten +we geduld hebben. + +Om de tien dagen te benutten, besloten we, dadelijk naar de +Tesbelbaai in het Zuiden te gaan, om daar ons geluk met de werving te +probeeren. We hadden ook van daar een boy, Macao, aan boord, door wien +we hoopten, te zullen slagen. Bourbaki, die in de weinige dagen, die +hij thuis had doorgebracht, wat verwilderd was, kreeg verlof tot onze +terugkomst. Hij moest in dien tijd flink voor ons werken. Hij scheen +over die vacantie niet weinig in zijn schik, en dus waren we des te +meer verbaasd, toen hij kort vóór ons vertrek aan boord terugkeerde +en zich zonder nadere uitlegging verdienstelijk maakte. Wij zagen +daarin een teeken van zijn aanhankelijkheid en vergaven hem sommige +ongemanierdheden. + +De wind was niet gunstig voor onze vaart. Den geheelen nacht kruisten +we heen en weer, zonder vooruit te komen. Regenvlagen streken over +de zee, en even daarna was er geen zuchtje te bespeuren. Maar in de +hoogte dreven zwarte wolken naar het westen, en ertusschen zagen we +enkele sterren in volle sterkte. Het dek was door allerlei voorwerpen +en kisten versperd, dus wist men nog minder dan anders, waar men zich +zou bergen, als men niet in de hut wou stikken. Als er geen wind is, +fluiten de boys om hem op te wekken, eentonig, onvermoeid, en zijn +vast overtuigd, dat zij den eerstvolgenden windstoot hebben uitgelokt. + +De roeiboot moest ons naar onze ankerplaats sleepen, want de wind +was weer gezakt; Bourbaki juichte en ging aan het roer zitten. De +Tesbelbaai was een mooie bocht, door hooge koraalrotsen ingesloten. Er +stonden aan het strand twee mannen, die ik kon huren voor den volgenden +morgen, om mij naar de dorpen in het binnenland te geleiden. Bourbaki +en zijn vriend Macao marcheerden vroolijk wenkend weg, om den nacht +in het dorp van Macao door te brengen. + +Na zonsopgang liet ik mij met Georges naar den oever roeien, om eens +in het binnenland te kijken; maar halverwege zag ik Macao aan het +strand als een bezetene heen en weer loopen, schreeuwend en wenkend, +waarbij ik, toen ik hem kon verstaan, mij hoorde toeroepen: "Bourbaki +is dood, kom en help mij!" Ik nam hem in de boot en voer naar het schip +terug. Macao trilde over zijn heele lijf, stiet wilde verwenschingen +uit en schreide. Tusschen de vingers van zijn linkerhand had hij zijn +patronen geklemd. Men kon niets verstaanbaars uit hem krijgen. Alles, +wat hij kon zeggen was, dat men tegen den morgen Bourbaki had +doodgeschoten, en dat hij zelf was gevlucht. Wij vermoedden, dat +Bourbaki wat op zijn geweten had gehad; maar achtten het toch noodig, +zijn lijk te halen. Genoegdoening te erlangen zou wel niet gaan. Macao +zei, dat het dorp dichtbij was. We wapenden ons en de boys en landden +na tien minuten. Den jongsten, een veertienjarige, lieten we achter; +hij moest met de roeiboot dichtbij het strand blijven. Zijn oudere +broer, een sterke knaap, wou ook liever in de boot blij ven, en nu +waren we nog met ons vijven. Macao liep vooruit op het smalle pad in +het oerwoud, scherp rechts en links uitkijkend. + +De weg was heel slecht, glibberig op de hellingen, met veel +boomwortels, steenen, beken en hoog gras. Elk oogenblik kon een +aanval plaats hebben, maar we stelden ons gerust met de overweging, +dat de inboorlingen slecht schieten en ons wel door een niet raak schot +zouden waarschuwen. We liepen een uur en vroegen ongeduldig aan Macao, +wanneer we er nu zouden zijn. "We zijn er dadelijk", antwoordde hij +steeds. Na anderhalf uur kwam de zaak ons verdacht voor, maar we hadden +ons eenmaal eraan gewaagd en moesten het plan volvoeren. Plotseling +waren we eindelijk in een dorp. Een dozijn mannen en een half dozijn +vrouwen stonden er blijkbaar te wachten op wat er zou gebeuren. De +aanwezigheid van de vrouwen toonde ons terstond, dat de stemming +vreedzaam was. We zagen een ouden man, een bloedverwant van Macao, +zich bij ons aansluiten en wij volgden beiden naar een dorpsplein, +waar ongeveer dertig mannen met geweren stonden. + +Macao sprak met hen; ze legden de geweren op den grond en voerden +ons naar twee hutten op zij. Daar lag Bourbaki dood op den rug; hij +had vóór een hut gezeten, toen men hem van achteren à bout portant +had doodgeschoten. Hij was nog opgesprongen en had willen vluchten; +maar was dadelijk neergestort. Zijn geweer en zijn patronen waren er +niet. De mannen stonden om ons heen en spraken heftig, maar blijkbaar +hadden ze geen vijandelijke bedoelingen. We beduidden hun, dat ze +Bourbaki moesten begraven, wat ze ook terstond begonnen te doen; +met toegepunte stokken groeven ze gemakkelijk in den zachten grond +een graf. Toen verlangden we het geweer en de patronen van Bourbaki +en vroegen naar de moordenaars. Er moesten twee zijn geweest. Na +eenig overleg verwijderden zich een paar mannen, onder wie een oude +grijsaard met wit haar, gewapend naar de oude zede met boog en pijlen +en een grooten knods aan een draagband. + +Na ongeveer een half uur kwamen ze terug; twee mannen stonden schuw +ter zijde. De inboorlingen hurkten neer en fluisterden te zamen, +tot een van hen ons naar de beide mannen leidde. We begrepen, dat +het de beide moordenaars waren, en Georges en ik grepen elk een +aan. Ze verzetten zich, weinig; maar er volgde wel een algemeen +tumult, waarbij er waren, die de misdadigers vervloekten, maar ook +verwanten, die ze niet wilden uitleveren. Wij zeiden, dat wij met +de uitlevering van de schuldigen ons zouden tevreden stellen; anders +zouden we het oorlogsschip inlichten, en dan zou dat wraak nemen op +het heele dorp. Toen mijn gevangene zich begon te verzetten, bond ik +hem vast, en toen ik daarmee bezig was, hoorde ik een schot, en ik +dacht al, dat het uit was met den vrede, toen Georges mij toeriep, +dat de andere gevangene ontvlucht was. Hij had van de onderhandeling +van Georges met de inboorlingen gebruik gemaakt, om zich los te rukken +en in het woud te verdwijnen. Een schot had hem niet opgehouden. + +De stemming werd intusschen zoo opgewonden, dat wij het maar het best +vonden, ons terug te trekken. We namen den gevangene mee en keerden +naar de kust terug. Eenige inboorlingen volgden ons. Toen we het dorp +verlieten, braken de verwanten van den gevangene in luide weeklachten +uit; ze dachten, dat we den man zouden martelen; Belni, zoo heette de +schuldige, trilde als een blad en schreide als een gestraft kind. Hij +vroeg Macao telkens, wat er met hem zou gebeuren. Macao zal hem wel +niet hebben gerustgesteld, want hij was woedend en wou tot elken +prijs zijn vriend Bourbaki wreken. Wij lieten Belni opsluiten in het +schip en deelden toen aan het dorp mee, dat wij voor den volgenden +middag de uitlevering van den vluchteling, de patronen van Bourbaki en +twee varkens verlangden. We leerden toen ook de oorzaak van den moord +kennen. Belni's broeder had zich met de vrouw van het hoofd ingelaten +en was door dezen tot betaling van eenige varkens veroordeeld. Hij was +echter arm, had geen varkens en wou zijn schuld boeten door iemand +te dooden. De ongelukkige Bourbaki kwam hem juist gelegen, en hij +stookte daarom Belni op, hem te vermoorden. De broeders praatten den +heelen nacht met hun slachtoffer en Macao, lieten zich het geweer van +den eerste vertoonen en speelden ermee. Toen Macao zich op eenigen +afstand bevond, maakten ze van de gelegenheid gebruik, om Bourbaki +in den rug te treffen en namen toen de vlucht. Daarmee was de schuld +tegenover het hoofd geboet, wat wel zeer merkwaardig mag heeten. + +Nu de eerste opwinding voorbij was, kregen onze boys, die des morgens +zoo moedig waren geweest een gevoel van angst. Ofschoon ze op het water +volkomen veilig waren, dachten ze aan allerlei gevaren van de zijde +van Belni's verwanten. Macao meende, dat ze zijn vader in het dorp +wel konden opeten, en wij waren beiden ook niet recht gerust. Hier +in de Tesbelbaai konden we niet blijven, en onze werving onder de Big +Nambasbewoners gaf niets. De boys waren slechts met moeite te bewegen, +naar land te roeien, om water en hout te halen. We behielden ons de +beslissing voor den volgenden dag voor. + +Des avonds haalden we Belni uit de scheepsruimte. Hij was onder een +hoedje te vangen, maar zag blijkbaar zijn schuld niet in. Nu ja, hij +had een man doodgeschoten; maar dat leek hem meer eer dan schande. De +boys bleven op een afstand; alleen Macao gaf hem te eten, hurkte voor +hem neer met haat in de oogen en onder felle dreigementen. Hij kwelde +Belni zoo wreed, dat ik den schuldige weer liet opsluiten, en wij +waakten des nachts, om te beletten, dat Macao een moord beging. Het was +een heldere maannacht. Een van de boys leed aan krampen en bleef op dek +kreunen. Allen meenden, dat hij door de bloedverwanten van Belni ziek +was getooverd, en ze wilden dadelijk wegzeilen. Den volgenden morgen +brachten wij aan boord door in afwachting van de inboorlingen. Ze +verschenen, ongeveer twintig man sterk, maar zonder den vluchteling +van gisteren; ze beweerden, dat het schot hem had getroffen, en in den +nacht was hij gestorven. Dat kon wezen en daar wij toch niets tegen +het dorp konden ondernemen, drongen we niet verder aan. Het geweer +en de patronen brachten ze ons terug en twee groote varkens. Daarmee +hoopte het hoofd, dat wij tevreden waren gesteld, wat hem betrof, +en van toen af hadden we enkel met de beide moordenaars te doen. + +Daar wij den goeden wil van de menschen erkenden, verklaarden we ons +tevreden en keerden naar boord terug. De varkens werden bij Belni +opgesloten, en wij lichtten het anker en voeren noordwaarts in een +wind, die ons in vier uren den afstand deed afleggen, waarvoor we op +de heenreis vier-en-twintig uur hadden noodig gehad. + +Georges besloot, naar huis te varen, omdat we bang waren dat onze +boys Belni zouden vermoorden, want als de golven bijzonder hoog waren, +hadden ze telkens gevraagd, of ze hem nu niet in zee mochten gooien. De +terugreis ging vlug; maar de golven sloegen over de boot en alles +was doornat. We troostten ons met de gedachte, dat het nu spoedig +voorbij was, en gemak en zindelijkheid leken zeer aantrekkelijk na +de ellende op de kleine boot. Wel had onze werving geen succes gehad, +maar dergelijke tegenslagen behooren tot het handwerk. + +Met vreugde begroetten we de eeuwig door regenwolken bedekte kusten van +Espiritu Santo en brachten onzen gevangene heelhuids aan land. Wat met +hem zou gebeuren, was nog onbepaald. Vooreerst zou hij op de plantage +werken. Bij aankomst zagen we, dat ons oude schip voor een vierde deel +vol water stond. Gelukkig dat we er onderweg geen hinder van hadden +gehad, maar lang hadden we ons niet meer boven water kunnen houden. + + + +Na den terugkeer van die reis deed zich het vraagstuk, om van het +Canal du Segond in een beter werkgebied te komen, nog dringender +voor. De eenige hoop was nu de eventueele aankomst van den pater +van Port Olry in het noorden van Santo met zijn kotter, waarmee hij +nu en dan tochten naar zijn collega's ondernam. Hij deed dat alle +paar maanden, en het was mijn geluk, dat hij toevallig na ongeveer +veertien dagen door het kanaal voer en bij den zendeling het anker +liet vallen. Ik bracht hem een bezoek en besprak mijn toestand met +hem. Hij ried mij, met hem naar Vao te varen, waar hij zijn kotter +moest laten repareeren, wat wel een paar weken zou duren, en dan later +met hem naar Port Olry terug te varen. Mijn bagage moest ik dan voor +een groot deel achterlaten, maar ik kon de gelegenheid niet voorbij +laten gaan, om uit het verloren uithoekje van het Canal du Segond weg +te komen, en de kapitein van de "Marie Henri", het zeilschip van de +opmetingsexpeditie, dat dikwijls naar het noorden voer, beloofde mij, +mijn hebben en houden dan naar Port Olry mee te nemen. + +Terwijl wij op gunstigen wind wachtten, brak er op een nacht het +hevigste onweder uit, dat ik ooit heb beleefd. Van zonsondergang tot +den morgen volgde de eene donderslag op den anderen met een geweldigen +regen; men hoorde in het woud de takken breken en men kon elkander niet +verstaan onder het plaatijzeren dak van het huis. Stroomen vloeiden +over den weg, en des morgens stond het huis als in een meer. De heele +aanplanting was vernield, en het kanaal zag totaal geel. + +Wij zeilden weg en hadden bij den tegenwind twee dagen noodig, om op +Vao te komen. Het is een eilandje, dat vóór Malekula is gelegen in +het Noordoosten. Als men de doodsche kust van laatstgenoemd eiland +voorbijvaart, is het als een openbaring van iets schoons, Vao te +zien. Niet enkel, dat de natuur afwisseling biedt, maar vooral de +levendigheid is aantrekkelijk. Vao is een der dichtstbevolkte eilanden +van de Nieuwe Hebriden. Er wonen vijfhonderd inwoners op een eilandje +van anderhalven kilometer lengte en één kilometer breedte, voldoende, +om overal menschelijke werkzaamheid te toonen zonder overhaasting, +op vroolijke, luchthartige wijze verricht. In deze omgeving vonden +we hutten en haardvuren en levendige menschen, die den vreemdeling +weer hoop en vertrouwen gaven. + +Ongeveer zeventig uitleggersbooten lagen aan het strand. Het waren +boombooten, door dwarsstangen verbonden met de uitleggers, die ze voor +omslaan behoeden. Aan de punt hebben ze een gesneden houten reiger, +waarschijnlijk een halfvergeten totemteeken van de inboorlingen. Al +naar de maatschappelijke positie van den eigenaar is het snijwerk meer +of minder rijk uitgevoerd, en er wordt streng op gelet, dat niemand +zijn boot versiert met snijwerk, dat niet in overeenstemming is met +zijn rang en positie. Dan zijn er ook nog kleine dwarsbalkjes, die zich +in aantal ook richten naar den stand van den bezitter. Onder afdaken +werden in de schaduw van de woudboomen een paar groote zeilbooten +bewaard van europeesch fabrikaat. Enkele familiën hadden die gekocht, +om verre reizen te kunnen doen naar de grootere eilanden in de buurt, +Espiritu Santo, Aoba, Ambrym, enz., waar ze varkens koopen. Die +zeilbooten vervangen de lange, groote booten uit vroegeren tijd, +oorlogsvaartuigen, waar dertig tot veertig man in konden zitten, +en waarmee groote rooftochten werden ondernomen. Want de bewoners +van Vao waren echte zeeroovers, die overal gevreesd werden, omdat +ze onverwachts bij eenig dorp landden, de bewoners overvielen en +met rijken buit terugkeerden. De europeesche invloed heeft aan die +liefhebberij een einde gemaakt, en met den invoer van europeesche +booten zijn de groote pirogen verdwenen en rotten ongebruikt weg aan +het strand. + +In den vroegen morgen was het strand ledig, maar een paar uren na +zonsopgang werd het druk; mannen en vrouwen baadden er, de moeders +waschten de kinderen, en in het warme zand werd daarna gerust, tot +het tijd was voor de vaart naar den overkant, waar op het vasteland +de aanplantingen waren. De vrouwen schoven de booten in het water, +jonge meisjes, slank en sterk, de moeders en oudere vrouwen wat +onbeholpener, velen met een kind op de heupen. Uit loodsen of verborgen +hoekjes aan den wal haalden ze zeilen van palmbast, driehoekig en in +bamboestangen gevat, en maakten ze vast aan de booten. Daarna stieten +ze zich af van den wal en zaten of stonden in het smalle bootje, +dat nauwelijks plaats had, om de voeten naast elkander te zetten. De +kleine zuigelingen zaten op den schoot der moeders of hingen op haar +rug in bedenkelijke nabijheid van het water. + +De kleine flotille volgde eerst de landtong en kwam toen onder +den invloed van den frisschen, stevigen wind, die de booten snel +voortdreef. Tusschen tien en vijftien booten gleden over de zee, +geelbruine vogels, waartegen de korte golven opsprongen. Een vrouw +stuurde, en de anderen schepten met kokosschalen het water uit het +vaartuig, een echt Danaïdenwerk. Maar gauw was het kanaal overgestoken +en de booten werden op den veiligen wal gehaald. Een jonge man was +bereid, ons in zijn boot te nemen en bracht ook ons naar den anderen +oever. + +Smalle paden, aan weerszijden begrensd door dicht oerwoud, voeren +ons over koraalblokken naar de aanplantingen op de hoogte. Bij eenige +kokospalmen stond de gids stil en klauterde behendig langs den slanken +stam naar de kroon, met de voeten steunend tegen den stam, alsof hij +een ladder beklom. Drie zware, groene noten vielen met een plof op den +grond. Met een paar handige meskloppen werden ze geschild en geopend, +en de verkwikkende, zuurachtig smakende melk werd mij aangeboden als +een geschenk aan den gast. + +Zijpaden leidden van den weg naar de aanplantingen. Ieder individu had +een stuk land, waarvan hij zijn levensonderhoud betrok. Daar groeien +vleezige bananen met groote, sappige bladeren; yams klimmen tegen +vlechtwerk op en hebben kleurige bloemschermen, en ertusschen staan +kokospalmen, broodvruchtboomen, roodbloeiende crotonstruiken en veel +sterk geurende kruiden. In die groene weelde brengt de inboorling +zijn dag door, een weinig arbeidend en veel luierend. Hij schiet op +de groote duiven en de kleine papegaaien en nuttigt ze als welkome +toegift bij de geroosterde yams. + +Tegen zon en regen waren beschuttende daken opgesteld, waar des middags +allen samenkomen en eten en praten. Lang geleden lagen hier dorpen, +waarvan een reusachtige, nu gebroken monoliet nog getuigt. De steen +was vijf meter hoog en moet door ondernemende menschen van de kust +hierheen zijn gesleept als sieraad voor een dorpsplein, misschien +ook als monument op een begraafplaats. + +Terwijl des namiddags de vrouwen den voorraad voor den avondmaaltijd +verzamelden, keerden wij naar Vao terug. De wind was heviger geworden, +maar veilig kwamen we over en trokken nu naar het binnenland van het +eiland. Eerst liepen de paden nog door het oerwoud, toen door een +rietveld en daarna gingen we tusschen steenen muurtjes met rechts en +links kleine aanplantingen. Toen werd de weg breeder; steenblokken +stonden aan weerszijden, en we traden onder het ruime gewelf, gevormd +door een geweldigen vijgenboom. Uit den zonnegloed kwam men in de +diepste schaduw, uit de middaghitte in de vochtige koelte. + +We stonden op een wijde vlakte, die ver overschaduwd werd door de +knoestige takken van den reuzenboom. Aan den eenen kant was de stam, +die al zwaar genoeg was, nog versterkt door de vele luchtwortels, +die als dikke touwen van de kroon naar den grond gaan, hier en daar +den stam geheel bedekkend, als een vlechtwerk of als de touwen langs +een scheepsmast. Eenige lianen slingerden zich door de takken, alsof +reuzenslangen in een gevecht waren verstijfd. + +We waren op een van de offerplaatsen van Vao. De rijen steenen +langs den weg hadden zich verdubbeld en verdrievoudigd en sloten het +plein in. Bij den stam van den grooten boom was een steenen altaar, +en daaromheen stonden offertafels, zware steenen platen, rustend +op dikke steenen blokken. Een rotsblok lag midden op den weg op een +houten slede, half onder steenpuin en aarde bedolven. Een dikke liane +diende als sleeptouw. Een vijftigtal mannen zullen er aan getrokken +hebben, om het zware blok van den oever naar den kleinen heuvel te +transporteeren, en halfweg is hun de arbeid onmogelijk geworden en +tot latere tijden uitgesteld. + +Rechts van het groote altaar stonden de "tamtams", uitgeholde stammen, +die als trommels dienen. Aan het boveneind zijn ze uitgesneden als +een menschengezicht, met breeden, lachenden mond en ronde, holle +oogen. Scheefstaand naar alle richtingen, lijken ze spoken, die +den beschouwer uitlachen om hun eigen grootte en de kleinheid van de +menschen. Daartegenover stonden mansfiguren, ruw uit stammen gesneden, +met lange lijven en overlange gezichten, vaak slechts een hoofd met +denzelfden scheeven mond als de trommelboomen, een langen neus en +smalle oogen. Ze waren rood, blauw en wit beschilderd en steunden +met de hoofden reuzenvogels, met uitgebreide, lange vlerken. Dat +waren weer reigers, zwevend, alsof ze zoo juist uit het woud waren +komen aanvliegen. + +Dat was alles op de dans- of offerplaats; maar het was voldoende, +om een diepen indruk te maken. Want als daarbuiten de zon brandt, +als de bladeren in den wind ruischen en de wolken langs den hemel +jagen, is het hier donker en koel als in een dom. Geen wind waait, en +er beweegt niets. Een behagelijke stemming, een wenschloos zich laten +gaan, een verheffende gedachteloosheid, een stichtelijk droomen worden +gewekt door de schaduw van den reuzenboom, den zachten boschgrond en +het groene mos, dat overal op groeit, op de steenen, de trommels en +de idolen. + +Buiten straalt de zon op boomen met purperen bloemen en de roode +gloed schijnt door het groene loover; buiten zingen de vogels, maar +hier sluipen ze stil door de bladeren; buiten werken de menschen, +maar hier is het eenzaam; buiten is het leven, hier heerscht onder +den reuzenboom de gewijde stilte van een tempel. De plek zou voor +den verhevensten godsdienst kunnen dienen; zoo zal het er hebben +uitgezien om de steenen altaren der Druïden. + +Achter de dansplaats was een open ruimte in het woud, waar, tusschen +roodbloeiende boomen, het groote mannenhuis stond. Op palen rustte +een groot dak, dat tot den bodem reikte. Van voren en van achteren +werd de ingang vernauwd door groote steenen platen. Dooreengeslingerde +takken vormden een haag om het huis, en aan den eenen kant stond een +stellage, waaraan honderden van zwijnekaken waren bevestigd. + +In het huis zagen we eenige vuurhaarden en primitieve bedden, +bestaande uit een rooster van naast elkander gelegde bamboestaven, +een nachtleger, dat een niet verwenden Europeaan toch wel hard en +ongemakkelijk zal voorkomen. Onder het dak waren allerlei curiosa +verborgen. Dansmaskers, merkwaardige visschen, zwijnekaken, beenderen, +oude wapens, enz. alles met een dikke korst van roet overtrokken +door de bijna voortdurend brandende vuren. Die mannenhuizen zijn +een soort van sociëteiten of clubhuizen, waar de mannen samenkomen; +ze brengen er ook wel den nacht door. Bij regenweêr zitten ze pratend +en rookend om de vuren of knutselen aan het een of ander voorwerp. + +Elk geslacht of familie heeft zulk een mannenhuis, dat natuurlijk voor +de vrouwen taboe is; op Vao zijn er vijf, in overeenstemming met het +aantal geslachten. In de nabijheid en min of meer rondom het mannenhuis +liggen de woonhuizen, ieder met een lap grond eromheen en ingesloten +door een meterhoog muurtje van los op elkaar gestapelde koraalblokken, +zoo los, dat men niet tegen de muren kan leunen. Achter de muren heeft +men meer dan manshooge schermen aangebracht, van riet gevlochten, +die ongewenschte blikken naar binnen verhinderen. Daar de terreinen +dikwijls bij elkaar aansluiten, zijn de wegen ertusschen zeer smal; +men loopt als door een steegje tusschen de steenen muurtjes en de +rietmatten. Soms kan men bij een bocht vrouwen zien wegloopen en +kinderen schreiend aanschouwen, want de blanke schijnt hier de rol +van boeman te vervullen. + +Als men met de bewoners aan het strand een beetje vertrouwd is geraakt, +kan men soms wel eens in de geheimzinnige woningen binnentreden, +natuurlijk altijd vergezeld en bewaakt door een mannelijken bewoner. + +Men krijgt weinig bezienswaardigs te kijken; kleine hutten liggen +binnen de omheiningen, een voor den huisheer, terwijl iedere vrouw +haar eigen woning heeft, die ze met haar kinderen bewoont en waar ze +meesteres is. Op de open ruimte tusschen de hutten loopen varkentjes +rond en honden en kippen in vreedzame harmonie met kinderen en +volwassenen. + +Het varken is op Vao, net als op bijna alle eilanden van Melanesië, het +hoogst geschatte dier. Om het varken draait het denken en trachten van +den inboorling, want door dat dier kan hij allerlei begeerenswaardigs +erlangen. Hij kan er een vijand door uit de wereld laten helpen; +hij kan veel vrouwen koopen; hij kan op de maatschappelijke ladder +tot de hoogste sporten stijgen, en hij kan er zich het paradijs +mee verzekeren. + +Het is dus geen wonder, dat de varkens even zorgvuldig of nog +zorgvuldiger worden verzorgd dan de kinderen, en dat het de +belangrijkste plicht van de oude vrouwen is, over het welzijn van de +zwijntjes te waken. Het zijn intusschen alleen de mannelijke varkens, +die zoo hoog op prijs worden gesteld, het vrouwelijke varken beteekent +niets; men laat het vrij rondloopen en bekommert er zich weinig +om; maar het heeft daardoor juist een veel prettiger leven dan het +mannelijke dier, dat jaar uit, jaar in aan een kort touw aan een paal +is gebonden en zich haast niet kan bewegen. Wel wordt het dagelijks +gevoederd, doch het eten wordt hem vergald door hevige tandpijn, want +men heeft het dier de bovenvoortanden uitgebroken. De tanden van de +onderkaak vinden nu geen vlakte meer, waartegen ze kunnen schuren en +groeien tot een vervaarlijke lengte, gaan een boog vormen, tot ze +op de kaak stooten, waarna ze in het vleesch van de wang dringen, +waar een wonde ontstaat, die maar zeer langzaam geneest. De tanden +groeien voort en buigen buiten de kaak een tweede maal, en als het +arme varken lang genoeg leeft, een derde maal. + +Die varkens met gebogen tanden zijn de trots en de rijkdom van de +inboorlingen. Macht en aanzien richten zich naar het aantal van zulke +zwijnen, die een man bezit en naar de grootte van hun tanden; daarom +worden ze zoo zorgvuldig behoed en vastgehouden, dat hun maar geen +ongeluk zal overkomen en ze nergens hun tanden breken. Rijke lieden +bezitten een groote hoeveelheid van die dieren; anderen slechts één of +twee, en zeer arme menschen hebben er geen enkel. Er is in Melanesië +dus sprake van een soort van eeredienst van het varken, die men daar +Suque noemt, en waarbij het zwijn het offerdier is, misschien omdat +men dan het grootste zoogdier van de eilanden aan de goden afstaat, +dus de beste uitdrukking van vereering geeft, of omdat mogelijk +het zwijnenoffer in de plaats is getreden van het menschenoffer. De +Suque is de vereeniging van alle mannen, die zwijnen hebben geofferd, +een bond, die in tallooze kleine groepen is verdeeld naar districten +en dorpen. Wie niet tot de Suque behoort, staat eigenlijk buiten het +leven van de inboorlingen, heeft geen vrienden en mist alle geloof. Als +knaap kan men al tot de Suque toetreden, als een oom van moederszijde +in den naam van den neef een zwijn offert. De jongen mag dan het +"gamal", het clubhuis van de Suque, betreden. + +Op Vao had ik gelegenheid, een doodenfeest bij te wonen. De man leefde +en was gezond en wel, maar hij wou zeker wezen, dat het feest niet +werd verzuimd na zijn dood en liet het dus al bij zijn leven plaats +hebben. Als namelijk een man van Vao sterft, reist zijn ziel naar het +eiland Ambrym, ten oosten van Malekula, terwijl Vao bij de noordpunt +van dat groote eiland is gelegen. Op Ambrym is een vulkaan, die door +de ziel in een reis van vijf dagen wordt bestegen. Halfweg op den +tocht naar den krater zit een monster met een krabbeachtig uiterlijk +en twee reusachtige scharen. Heeft men nu voor den overledene vóór +den vijfden dag geen voldoend aantal varkens gedood, dan is de +arme ziel alleen, en het monster pakt en verteert haar. Maar als +men het offer heeft gebracht, dan draven achter de ziel aan alle +zielen van de geofferde zwijnen, en deze eet het monster liever dan +de menschen. De overledene kan dientengevolge ongehinderd zijn weg +vervolgen en komt spoedig in een paradijs met veel zwijnen, vrouwen, +dansen en eten. Op den feestdag werden geschenken naar de offerplaats +gebracht, en in den morgen kreeg iedere familie eenige yamsknollen, +een varken, een kokosspruitje en eenige bundels geld, bestaande uit +opgerolde matten. Oorspronkelijk is zoo'n mat een lijkkleed, maar +wordt na eenigen tijd weggenomen, als de lijken enkele dagen in den +grond hebben gelegen. De groote rollen worden nu niet meer gebruikt, +maar komen bij feestelijke gelegenheden nog voor den dag. + +Veel plechtigs was er niet aan het feest, waarbij de gastheer met een +mes de vastgebonden varkens slachtte, waarna ieder man zijn geschenk +mee naar huis nam. Niet alle feesten verloopen zoo prozaïsch, maar toch +zal het niet lang duren, of met deze ceremoniën wordt geheel gebroken. + +Op Vao, met name in Atchin op het eiland, vindt men veel heilige +vooroudershuisjes, waar een altaar wordt aangetroffen van +steen. Daaronder ligt waarschijnlijk het hoofd van den voorvader +begraven. Op het huis staat het beeld van een reiger, ruw gesneden +en gedragen door een standbeeld, dat, schijnt het, den voorvader +voorstelt. Daar de beelden in de open lucht staan en sterk verweêren, +worden ze niet oud, en de jongere producten zijn niet met de oudere +te vergelijken. Ik was zoo gelukkig, een oud exemplaar te krijgen van +een ouden man, die er wel bezwaar in zag en meende, dat de voorvader +het sterk zou afkeuren, maar ten slotte zich geruststelde met de +overweging, dat de man al zoo lang dood was, en dat hij een zwijntje +op het graf zou offeren, welk offer ik ook nog moest betalen. Het +beeld was niet minder dan twee meter hoog en mooi gesneden. + +Trots de veelvuldige aanraking met Europeanen is de oude cultuur op +Vao in stand gebleven, doordat de inboorlingen zoo weinig lust hebben, +op plantages te gaan werken. Maar terwijl wij op het eiland waren +had er een gebeurtenis plaats, die aantoont, hoe hierin verandering +kan worden gebracht. Op een morgen lag vóór het eiland een schip voor +anker. Een zwaarlijvig beambte van de fransche opmetingsexpeditie ging +aan wal. Hij liet alle mannen aan het strand samenkomen en deelde hun +mede, dat hij tegen den avond een aantal arbeiders moest hebben tegen +goede betaling voor licht werk. Men zou hem in zijn gezicht hebben +uitgelachen, als hij zijn verzoek in dit geval niet had ondersteund +met de bedreiging, dat hij het eiland in geval van weigering zou laten +ontruimen, want dat de "Société francaise des Nouvelles Hébrides" +al voor jaren de eilanden had gekocht. + +De onderhandelingen duurden tot den laten namiddag, en bij +zonsondergang stonden bijna alle beschikbare mannen op het +strand, werden door groote roeibooten afgehaald en verdwenen in de +avondschemering. Aan den oever bleven oude mannen achter en de vrouwen, +die luide klaagden in aandoenlijke smart. Ook voor den buitenstaanden +toeschouwer was het een treurig tooneel, dit wegvoeren van de beste +krachten van een stam, die ruwe greep in het familieleven door de +brutaliteit van het blanke ras, dat zich veel laat voorstaan op zijn +beschaving. Men voelt geen ziekelijk medelijden met de mannen, die +tot arbeid worden geprest, maar wel doet het bitter aan, te moeten +zien, hoe een stuk eerwaardig oud leven en natuurlijke ontwikkeling +wordt vernield. Het is, alsof een oud bouwwerk voor profaan gebruik +wordt geschonden. + +Den volgenden morgen was het strand eenzaam. Vrouwen en grijsaards +en kinderen misten alle vroolijkheid van vroeger, en ik besefte, +hoe het op de andere eilanden in de buurt was gegaan, waar thans zoo +goed als geen inboorlingen meer zijn op plaatsen, vroeger met dorpen +bezet. In de laatste zeven jaren is in enkele omvangrijke gebieden de +bevolking tot op een derde geslonken. Er behoeven geen vijftien jaren +meer te verloopen, of men zal van een inboorlingenbevolking niet meer +kunnen praten. De volgende generatie zal er weinigen meer vinden. + +Voor mij was die gebeurtenis het bewijs, dat ik geen bedienden op +Vao zou kunnen krijgen; de jonge lieden, die erover hadden gedacht, +mij te vergezellen, hadden moeten helpen, om het aantal opgeëischten +vol te maken, zoodat ik teleurgesteld vertrok, toen de kotter van den +pater hersteld was en wij, afscheid van het gastvrije Vao nemend, +naar het Canal du Segond voeren, om van daar langs de oostkust van +Espiritu Santo naar Port Olry te gaan. Daar was, in het noordoosten +van het groote eiland, een zendingsstation, waar de honden, de katten +en de bewaker ons kwamen begroeten, en waar ik weer gast was in het +huis van den pater en er een interessanten tijd doorbracht. + +De bevolking van Port Olry, zooals de kleine haven aan den mond van +een riviertje heet, verschilt nog al van die der andere eilanden. Ze is +donkerder van kleur en heeft een ander gelaatstype; ook is ze grooter +dan elders. Men moet haar als typisch melanesisch beschouwen, terwijl +de bevolking van Vao bij voorbeeld veel polynesische elementen in +zich heeft opgenomen. Het waren hier gespierde gestalten met nog al +brutale gezichten, waaruit weinig intelligentie sprak. De leefwijze +was dan ook nog zeer primitief. Kleeding en versiering waren beperkt +tot het eenvoudigste, zoodat we hier de primitiefste bevolking van den +archipel vóór ons hadden. De versiering bepaalde zich tot kammen, die +groote vormen hadden en van bamboe waren gesneden, of die bestonden +uit varkensstaarten, bevestigd aan vederschachten, die in de dichte +haarpruik werden gestoken. Wie zich mooi wilde maken, liet het haar +lang groeien, rolde dan de haren tot rollen op, die netjes naast elkaar +werden gelegd, of maakte vlechtjes, die aan alle kanten langs het hoofd +neerhingen. Met kokosolie, roet en vet werden de haren ingesmeerd. + +Een merkwaardige vervorming van den neus werd door beide geslachten +in toepassing gebracht en gaf een aanblik van groote leelijkheid. Het +tusschenschot van den neus wordt namelijk doorboord, en behalve dat +er in de opening een houtje wordt gestoken, komt het vaak voor, dat +men een spiraal neemt, die de neusvleugels omhoog drukt, zoodat een +breede punt aan den neus komt, die bij mannen op hoogen leeftijd een +afschuwelijk uiterlijk geeft. Het duurt lang, eer men aan het gezicht +gewend is. Bovendien maken ze op dien opdringerigen neus nog roode +strepen of een roode streep tusschen twee zwarte. + +Veel mooier is het, als de mannen zich kleurige bloemen in de haren +steken. Een violette of roode bloem boven ieder oor ziet er op den +donkeren grond aardig uit. In de oorlelletjes dragen ze spiralen +van schildpad of vlakke plaatjes van been. Ook daaraan worden +varkensstaartjes vastgemaakt. Als ze uitgaan, beschilderen zich de +mannen vaak het gezicht met roet en olie, dooreengemengd. Meestal +wordt het bovengedeelte van het voorhoofd zwart gemaakt, en ook wel +de rug van den neus en het benedengedeelte van de wangen. + +De kleeding der mannen bestaat uit een breeden gordel, die laag +afhangt, en waaraan van voren een zestal smalle matjes hangen. Vroeger, +en nu nog op feesten, droegen ze op het kruis een merkwaardig houten +ovaal, waarvan de beteekenis aan ethnografen veel hoofdbrekens heeft +gekost. Men zal wel het naast bij de waarheid zijn, als men denkt, +dat ze erop gingen zitten, want de Melanesiër gaat niet graag zóó +op den grond zitten en gebruikt, als het kan, liefst een stuk hout, +waar hij dan met dit kleedingstuk niet naar behoefde te zoeken. + +Terwijl dus de mannen een, hoewel niet mooien, maar dan toch +interessant wilden indruk maken, worden de vrouwen door de mode +zoozeer ontsierd, dat men eenigen tijd noodig heeft, om er niet meer +door te worden afgestooten. Ze mogen niet veel versiering dragen en +moeten daarentegen het haar zeer kort houden, waarvoor ze zich den +schedel met kalk insmeren, zoodat het kale hoofd levendig aan een gier +herinnert, vooral ook omdat de neus uitsteekt als een snavel, en de +mond juist niet klein is. Daarbij zijn bij de vrouwen als teeken van +het getrouwd zijn de bovensnijtanden verwijderd. De kleeding bepaalt +zich tot een zeer klein blad, bevestigd aan een dun lendekoord. Van +achteren dragen vrouwen en mannen altijd een bosje bladeren, knapen +en vrouwen meestal geurige kruiden, en de mannen crotonbladeren van +verschillende tint naar de kaste. De zeer hooge kasten mogen de donkere +kleuren dragen. De voorraad wordt geleverd door de crotonstruiken, +die altijd worden aangeplant om de gamals of clubhuizen. + +Half sieraad, half rest van een medicijn zijn de groote litteekens, die +men hier veel ziet, het vaakst op de borst of op de schouderbladen. Men +maakt namelijk, als geneesmiddel voor inwendige pijnen, groote sneden +in het lichaam. Dat gebeurt door zich bij voorbeeld stijf een touw om +de borst te binden, zoodat de huid tusschen de windingen omhoog wordt +gewerkt. Dan kan men, zonder veel pijn te voelen, er in snijden. De +korsten na de genezing worden steeds weer weggekrabd, totdat een dik +litteeken is verkregen, dat als een sieraad wordt beschouwd. + +Bij rheumatiek neemt men een ongeveer twintig centimeter langen boog +en bindt aan het spankoord een klein pijltje met een haarscherpe punt, +tegenwoordig meestal een glassplinter; met dat pijltje worden fijne +sneden in de huid geschoten, waarvan de litteekens haast niet zichtbaar +zijn en toch fijne, dikwijls mooie patronen op de huid achterlaten. + +Eenvoudig als de kleeding, zijn de vormen van den eeredienst en het +leven over het geheel. Men vindt hier niet, als op Vao, zorgvuldig +omheinde tuinen of stemmige dansplaatsen. De huizen staan in het +bosch verscholen, onregelmatig geplaatst om een gamal, die eenzaam +midden op een leêge plek staat. Beelden of staande trommels ontbreken; +eenige niet groote liggende trommels zag ik vóór een gamal. + +De woonhuizen zijn eenvoudig daken, zoo goed als zonder zijwanden, +maar meestal met een voor- en achterwand van bamboe. Vaak waren ze +in tweeën verdeeld, om een stal voor de zwijnen te hebben, als men +er niet de voorkeur aan geeft, met de varkens samen te wonen. Eenige +vlakke houten schotels zijn bijna het eenige huisraad, dat de natuur +den inboorlingen niet zoo goed als klaar in de hand heeft gedrukt. Voor +het koken heeft men verder niets noodig dan steenen, die, in het vuur +verhit, om het in bladeren gewikkelde voedsel worden opgestapeld. Die +steenen moeten natuurlijk vuurvast wezen; kalk kan men niet gebruiken +en daar zulke kooksteenen in de kalkformaties volkomen ontbreken, +moeten ze vaak van ver, van het zeestrand, worden gehaald, zoodat men +ze zeer trouw bewaart. Vork en lepel heeft men niet noodig, en als +mes voor het schillen van vruchten dienen schelpen of splinters van +bamboe. Daarmee kan men niet goed naar zich toe snijden, zoodat de +inboorlingen de gewoonte hebben behouden, alle vruchten van zich af +te schillen, ook als ze een mes gebruiken van staal. Bedden worden +versmaad, en men voelt zich hoogst behagelijk op eenige evenwijdig +gelegde bamboestaven. + +Tegen den middag ziet men de mannen meestal bijeen in de gamal bij +de gewichtige laplapbereiding. Laplap is het nationale gerecht van +de bewoners der Nieuwe Hebriden, en ze brengen zeker een vijfde deel +van hun leven door met het koken van laplap. Het werk is eenvoudig +en gemakkelijk; men kan er net zoo heerlijk bij droomen als bij +het naaien en breien. Vóór zich heeft men een rij bananenbladeren, +kruiselings over elkander gelegd; naast zich eenige yamsknollen, +die men schilt en dan op een rasp, dat is een stuk koraalkalk of een +ruwe bladnerf, fijn wrijft. Men krijgt dan een taaie, witte brij, +die men zorgvuldig in de bladeren inpakt. Intusschen is in een kuil +een vuur uitgebrand en heeft de steenen tot gloeihitte gebracht. Die +neemt men met een tang, dat is een gespleten bamboe, uit den kuil en +legt de brij in de bananenbladeren op hun plaats, bedekt alles met de +heete steenen, legt daarop weer een bundeltje droge bladeren en wacht +slapend, pratend of rookend, tot het gerecht klaar is. Het is dan een +massa geworden, die op brooddeeg lijkt en waaraan men met allerlei +kruiderij wat meer smaak kan geven. Men giet er ook wel kokosmelk van +geraspte kokosnoten over of mengt er kool door of vet of geroosterde +noten, terwijl het ook heel lekker moet wezen, ze met vleeschmaden +te vermengen. Behalve van yams kan laplap ook worden bereid van taro, +maniok of halfrijpe bananen. + +Men eet hier ook veel bataten en als het seizoen daar is, de heerlijke +broodvrucht, boven het vuur geroosterd; ook noten, bananen, ananas en +mandarijnen. Er is haast altijd wat te snoepen, en als de inboorling +maar wat wilde vooruit zorgen, dan behoefde hij nooit gebrek te lijden. + +De mannen lieten zich door onze komst weinig storen in hun werk; ze +schoven wat ter zijde en gaven ons een blok, om op te zitten; er volgde +een poosje zwijgen, en toen begonnen ze over ons te praten. Er was in +de gamal al evenmin veel te zien als in de woonhuizen. Overal waren in +het dakstroo wapens verborgen, tot dadelijk gebruik gereed, pijlen, +bogen en geweren. De knodsen schijnen meer tot het uitgaanstenue te +behooren en worden steeds meegedragen. Het zijn rechte stokken of ze +zijn kromgebogen als sabels. Ze worden, anders dan de sabels, gebruikt +met de concave zijde naar voren. Die knodsen worden op hoogen prijs +gesteld en zijn vaak oude erfstukken. Ze worden bij elke zegepraal +van een inkerving voorzien en die zegepralen worden bevochten door +een vergelijking in sterkte met de knodsen van anderen. Ik heb een +oud stuk gezien, dat zeven-en-zestig inkervingen droeg. Vroeger was +de werpspeer in gebruik met tweehonderd-vijftig beenpunten; maar die +is door het geweer verdrongen. + +De beenpunten voor speren en pijlen verkrijgt men van de beenderen van +verwanten. Men begraaft het lijk in het woonhuis zeer oppervlakkig. Als +het lijk vergaan is, wat in ongeveer een half jaar is gebeurd, +graaft men het geraamte op. Den schedel laat men liggen, maar de +beenderen worden verwerkt. Men neemt aan, dat met de beenderen ook +de geestelijke en lichamelijke kracht op den bezitter overgaat, en +dus zijn de beenderen van leden der hooge kasten zeer gezocht. De +beenpunten zijn natuurlijk vol van lijkengif en veroorzaken, ook bij +lichte verwondingen, den dood. Ook de pijlpunten bestaan uit been +van menschen; ze worden naaldscherp geslepen, zitten maar heel los +in de schacht en blijven bij het uittrekken van de pijl in de wond +zitten. Die is dan vergiftigd met een harsachtige massa, waarvan de +bereiding slechts aan weinigen bekend is. + +Toen wij eenigen tijd in de gamal hadden gezeten, kwam de hoogste +van de leden der aanwezige kasten en legde ons eenige yamsknollen +voor de voeten. Het was een gastgeschenk, waarvoor we met wat tabak +onze dankbaarheid betuigden. De lengte van de gamal richt zich +naar de kaste van den hoogste, die de gamal ook laat bouwen, voor +welken arbeid hij de mannen moet beloonen met een gastmaal en kleine +geschenken. Voor zeer hooge kasten kan de gamal de aanzienlijke lengte +van zestig meter bereiken, en als thans die huizen ten gevolge van het +uitsterven van de inboorlingen ook onzinnig groot lijken en meestal +leeg staan, ze herinneren aan vroegere tijden, toen met de kaste ook +het gevolg van iemand aangroeide. Daar hier alle mannen in de gamal +slapen, waren ook die reuzenhuizen eens vol slapende krijgers, die er +met hun wapens boven zich in lange rijen rustten en bij een aanval +dadelijk voor den strijd gereed waren. Tegenwoordig zijn de lange, +ledige, pijpenla-achtige ruimten zoo ongezellig, dat ze veelal in +het gebruik vervangen zijn door een nieuw gebouwde, kleinere gamal, +waar de mannen zich gemoedelijker voelen. + +Een man te hebben gedood, is nog altijd een eer, en met trots draagt +zulk een held een bos van zwart en witte veêren op het hoofd, waaraan +ieder kan zien, welk een dapper persoon vóór hem staat. In Port Olry +waren zulke bepluimde hoofden niet zeldzaam. + +De vrouwen worden niet hoog gesteld, mogen niet eens in of bij +de gamal verschijnen en moeten de velden bewerken, maar dat is +geen zwaar werk, zooals men wel kon denken, als men ze des middags +onder een grooten last van de velden ziet terugkomen. Ze dragen de +veldvruchten en het brandhout op het hoofd, hebben soms een zuigeling +op den rug en een grooter kind aan de hand. Maar tegenwoordig is zulk +een aanblik zeldzaam, nu er zoo weinig geboorten plaats hebben. Op +den akker bestaat het werk enkel in het verzamelen der vruchten, +het uitgraven van de yams, en wordt opgevroolijkt door gebabbel en +door wat te snoepen, terwijl men vaak zit uit te rusten onder een +opgeslagen afdak, waar gepraat en gerookt wordt. + +Ernstig is het werk alleen in den planttijd, als het bosch gerooid +wordt en de omheiningen om de nieuwe velden worden gemaakt. Maar dan +helpen de mannen mee; de geslachten sluiten zich aaneen, en gezellig +gaat de arbeid als spelend van de hand. Men beloont elkander aan het +eind wederkeerig met maaltijden en geschenken. Het aantal vrouwen +bedraagt in Port Olry hoogstens een vierde van dat der mannen. Daaraan +heeft mee schuld het gebruik, om bij den dood van een hoofd al zijn +vrouwen op te hangen, een zede, die te verderfelijker werkt, daar +de hoofden altijd veel jonge vrouwen hebben, terwijl de jonge mannen +zich op zijn best een oude vrouw kunnen koopen. Gelukkig heeft men die +gewoonte daar, waar de zendelingen en de planters hun invloed kunnen +doen gelden, afgeschaft, vooral door het beroep op de jonge mannen, +dat ze zich zelven daarmee het meest schaden. De vrouwen waren er +echter niet mee ingenomen; velen wenschten den dood, daar ze anders +door de ziel van den ontslapen echtgenoot zouden worden verontrust. + +Daar ik nog geen bedienden had, kon ik niet veel ondernemen in de +dorpen van het binnenland. Ik hield mij meest op het zendingsstation +op, waar de inboorlingen zich veel vertoonden, zoodat ik altijd +menschen om mij heen had, op wie ik mijn studiën kon voortzetten. Ik +gebruikte bij voorbeeld de gelegenheid, om metingen te doen en moest +dan van de goede stemming gauw profiteeren. Als de toeschouwers de zaak +belachelijk vinden, is ze verloren, want dan wil niemand er zich voor +leenen. Het staat er al beter voor, als er vrees voor geheime tooverij +in het spel is, want dan kan men met een geschenk en overreding nog +wel eens moed en vertrouwen doen ontstaan. Maar het allerbest is bij de +objecten het gehuichelde begrip van wat er gebeurt voor de wetenschap, +of wel algeheele onverschilligheid, die zich zonder verder nadenken +als object presenteert en dan met een munt of tabak getroost naar +huis gaat, hoofdschuddend over de vele dwaasheden van de blanken. + +Eens had ik bij mijn veranda een flink aantal jonge mannen bijeen +en begon met het werk. Daar verscheen plotseling een heer Fusil, +een spraakzaam Franschman, die zich sedert eenige dagen in de buurt +met den varkenshandel bezig hield. Ik was juist bezig met Paul, een +vroegeren leerling van de zending, die mij al vaak was opgevallen om +zijn onberispelijken bouw en zijn fluweelzachte huid. De heer Fusil +trad op hem toe en gaf hem een hevigen slag op de borst met de woorden: +"Jij hebt mij mijn varken ontstolen!" + +Negen van de tien inboorlingen zouden zich dat waarschijnlijk hebben +laten welgevallen; maar Paul, die heel sterk was, zooals hij pas +aan den dynamometer had bewezen, draaide zich om en maakte zich +klaar, om te vechten. Dat had de heer Fusil blijkbaar niet verwacht; +hij trok een mes uit zijn mouw en redde zich met een paar sprongen +op de veranda van het huis, die voor de inboorlingen taboe was. Er +ontstond een algemeen oproer. Beneden woedde de opgewonden menigte, +Paul aan het hoofd, en wou de veranda bestormen. Ik kon Paul slechts +met moeite ervan af stooten, en boven balde de heer Fusil zijn vuisten +en uitte zijn woede in veel krachtige woorden. + +Op het rumoer kwam de pater uit het huis en kon de gemoederen +eenigermate tot rust brengen, behalve Paul, die van woede schreide +en aanhoudend er bij den heer Fusil op aandrong, van de veranda af +te komen. Eindelijk gelukte het, gewaar te worden, waarover de twist +liep. Fusil beschuldigde Paul, die hem een varken had verkocht, en +misschien terecht, dat deze de touwen na de betaling had doorgesneden, +zoodat het zwijn weer naar huis was geloopen. In plaats van het dier +had de heer Fusil toen een inboorling aan boord gelokt en dreigde, +dien op een plantage te verkoopen, als hem het varken of de koopsom +niet weer werd teruggegeven. + +De pater verklaarde, dat hij in dezen niet veel kon doen en vermaande +de partijen tot vrede, natuurlijk te vergeefs. De heer Fusil rende op +de veranda op en neer als een roofdier in een kooi en spuwde venijn, +en Paul volgde hem beneden en daagde hem uit, den twist met hem aan +het strand uit te vechten. De Franschman schimpte, dat hij dat om +zijn eer niet kon doen, en hij had gelijk, want hij zou stellig +duchtig geranseld zijn. Dat tooneel duurde zoowat een half uur, +waarin de heer Fusil door alle zwarten werd bespot. Om dien voor het +prestige van de blanken zoo verderfelijken toestand te doen eindigen, +liet de pater, daar de inboorlingen toegaven, dat de heer Fusil een +varken was ontstolen, het dier vervangen, waarna ook de onschuldige +gevangene uit de boot aan land werd gezet. Toen verwijderde de pater +Paul van het tooneel, en de heer Fusil werd veilig naar het strand +begeleid, van waar hij spoedig al schimpend het ruime sop koos. + +De inboorlingen trokken zich tegen de schemering terug, beladen met +een vracht vermaningen van den pater, maar innig pret hebbend in den +streek. Mijn meten was leelijk in de war geraakt, wat de schuld was +van den heer Fusil, maar die zal wel niet gauw weer zwijnen koopen +in Port Olry. + +Hoe nietig deze quaestie ook was, ze is een voorbeeld van de manier, +waarop conflicten ontstaan. Zakelijk en kalm had de twist kunnen worden +beslist, als de heer Fusil niet zoo tactloos was opgetreden. Het zou +bij een anderen blanke zeker niet zijn gebeurd, want de inboorlingen +weten precies, wien ze voor hebben. Gelukkig had ik de volgende dagen +ruim gelegenheid, mijn metingen en het photografeeren in te halen. + +Ik was al ongeveer drie weken in Port Olry en keek iederen dag +met zielsverlangen uit naar de "Mary-Henry", die mijn bagage +zou brengen. Ik had alleen het volstrekt noodige bij mij; mijn +wetenschappelijke uitrusting had dringend behoefte aan aanvulling, +en mij ontbraken de dingen, die mij moesten helpen bij het prepareeren +en conserveeren van zoölogische voorwerpen. Ik had hier een rijk veld +voor verzamelen, vooral vogels waren in veel soorten aanwezig. Het +schip kwam eindelijk; maar mijn bagage bracht het niet mee. Die +was vergeten. Mijn teleurstelling was groot, en ik zag geen kans, +de zaak vlug te verhelpen. + +De Mary-Henry voer naar Talamacco, en de pater en ik maakten van de +gelegenheid gebruik, om mee te gaan, hij, om zijn collega te bezoeken; +ik in de hoop, daar bedienden te vinden. Aan boord was ook de heer +F., een engelsche planter uit Big Bay. Hij was een vriendelijke, +altruïstische heer en beloofde mij, al zijn invloed aan te wenden +bij de inboorlingen, om mij helpers te verschaffen voor mijn tochten. + +Bij dof regenweêr gingen we met het groote zeilschip zuidwaarts, +en, bij het reizen met de kleine kotter vergeleken, was dit een +verbetering, nu er een flinke hut aanwezig was, en men behalve +stoelen ook een tafel, in plaats van kisten als plaats voor den +maaltijd, ter beschikking had. De vierde passagier was een officier +van de opmetingsexpeditie, een interessant mensch van weldoende +natuurlijkheid. De kapitein was een echte zeerob, blijmoedig en +ruw. Hij zorgde ervoor, dat de flesschen op tijd werden geleêgd en +dat de conversatie niet in al te hooge sferen belandde. + +Den volgenden morgen landden we bij Talamacco in Big Bay. De pater +ging naar zijn collega, en de officier en ik wierpen ons anker uit +in het huisje van den heer F. Het regende in stroomen. Den volgenden +dag werd een opzichter of moli van mijn gastheer erop uitgezonden, +om arbeiders voor mij te zoeken, en gelukkig kwam hij met eenigen +terug, van wie vier bereid waren, zich voor twee maanden bij mij te +verhuren. Ik was overgelukkig en bracht den kostbaren buit dadelijk +op het schip, opdat ze zich niet zouden bedenken en wegloopen. + +Bij de heeren Th., jonge mannen van goede australische afkomst, die een +kokosplantage op Talamacco hadden, woonden we een offerfeest bij van +de inboorlingen. We moesten toen verscheiden uren door het oerwoud +marcheeren. Mijn mannen hadden zich allen in Zondagsdos gestoken +en hadden broeken en hemden aan van kleurig katoen. Het haar boven +het voorhoofd was met houtasch bestreken, en een paar hadden zich +zelfs geschoren. + +"Well, boys, are you ready?"--"Yes, Master!" klonk het overtuigd; +maar daarbij werden de lasten nog samengebonden. Er werd een poosje +gewacht, en toen klonk het: "Well, me me go."--"All right, you go", +is het antwoord. Ze leggen een paar schreden af en wachten dan +weer. Eén komt aan de hut en zoekt een stok, om zijn pak te dragen, +de andere zoekt een deken. Maar ten laatste gelukte het, met een +kwartier verlating af te marcheeren, wat ook niet zoo erg is, daar +geen spoortrein op ons wacht. + +De inboorlingen juichten en lachten, maar spoedig waren we in het woud, +waar het donker was en stil, en waar allen zwegen. Op een nauwelijks +zichtbaar pad ging het uren lang verder door de overal gelijke dichte +woudzee, waar we ons door de golven van plantengroei met het mes een +weg moesten banen. Eerst tegen den avond bereikten we de plantage +van de heeren Th., waar rust en een maal ons wachtten. Maar verder +moesten we nog door den nacht, die donker was zonder maneschijn. De +bedienden hadden fakkels gemaakt van palmbladeren, die ze door zwaaien +in gloed hielden. + +Na korten tijd hoorden we geluid in de verte, de trommels van de +feestplaats, die we al spoedig door den glans van de vuren konden +vinden. Een groep van mannen viel ons het eerst op. Ze stonden in +een kring om een groot vuur, en wij aanschouwden een warreling van +knodsen, geweren, vederbossen, zware haarpruiken, ronde hoofden en +heftig bewegende armen. Een onregelmatig jodeln en gillen en fluiten +klonk uit de menigte; dan liet zich een eentonig gezang hooren, +waarbij de maat met den voet werd gestampt. Allen deden geestdriftig +mee, en het zweet gudste hun langs de borst neer. + +Dit waren de gasten; zij, die het feest gaven, stonden op zij bij +een stellage, waarop yamsknollen lagen. De mannen liepen langzaam +om dat altaar heen. In hun handen droegen ze zware bamboekokers, +waarmee ze in de maat op den grond stampten, zoodat een dof, dreunend +geluid ontstond. Ze zongen een eentonige melodie, door een voorzanger +ingezet. Daarbij sprongen ze in de maat van den eenen voet op den +anderen, langzaam en veêrend. Aan de beide kanten van dien kring +van dansenden stonden de vrouwen in Eva's costuum en over het heele +lichaam ingesmeerd met roet. Aan het slot van de mannengezangen zongen +ze het refrein mee, en dansten ook. Nu en dan sloot er zich een vrouw +bij de mannen aan en danste met hen. + +Het geheel maakte een indruk van vreemde romantiek, van woestheid +en hartstocht; maar het was prachtig door het roode licht, dat op de +naakte, glanzende lichamen viel. Niets was anders zichtbaar tusschen +hemel en aarde in den donkeren nacht, niets dan die rood beschenen +groepen van een tweehonderd menschen, die zich onbezorgd aan hun +vermaak overgaven, zich niet bekommerend om den volgenden dag. Het +feest duurde zonder alcohol den geheelen nacht. De menigte werd +steeds hartstochtelijker, de dans doller, en het gezang luider. We +stonden ter zijde, niet in staat, mee te voelen, wat het vermaak van +die lieden was, wat hen tot zulk een inspanning aanzette, als in een +zonderlinge, voor ons gesloten wereld. + +Een dikke, oude man bleef bij ons en nam de honneurs waar. Ik lette +weinig op hem, tot mijn bedienden mij zeiden, dat dit de "big fellow +master" was, het hoofd, die het feest gaf en die morgen door het +offeren van de varkens een zeer hooge kaste zou bereiken. Toen kreeg +hij natuurlijk een handvol tabaksrolletjes, en even natuurlijk vroeg +hij om meer, namelijk om mijn goede, trouwe pijp. Dat verzoek kon ik, +ook weer natuurlijk, niet inwilligen. Om hem niet te beleedigen, zei +ik hem, dat de pijp taboe was, en daar hij als hoofd de heiligheid +van het taboe in de eerste plaats had te eerbiedigen, knikte hij +begrijpend en was tevreden gesteld. Ik beloofde hem dan nog, morgen +op zijn eeredag tegenwoordig te zijn en nam afscheid. + +Het was niet te vroeg, want nauwelijks waren we op de plantage +teruggekeerd, of er brak een hevige regen los. Het zal zoowat vier +uur in den morgen zijn geweest. + +Den volgenden dag gingen we opnieuw naar de feestplaats. Het regende +nog steeds, en van de struiken veegden we de droppels, zoodat we +in korten tijd doornat waren. Terwijl dat op zichzelf al niet heel +geschikt is, om iemand in feeststemming te brengen, kon wat we +zagen, dat evenmin doen. Om het plein in het natte woud stonden +en hurkten de inboorlingen in groepen, beverig en katterig. Bij +een paar vuren trachtten ze zich te warmen, maar zonder veel +gevolg. In verveling keken ze ons zonder een woord aan en lieten +ons voorbijgaan. Eenige vrouwen hadden zich van groote bladeren +regenschermen gevlochten, vlakke schijven, die ze op de onbehaarde +hoofden lieten balanceeren. Het zwartsel van de feestdracht had de +regen totaal afgewasschen. De feestplaats was verlaten. Een troep +blaffende honden sprong als gewoonlijk op ons toe, eenige kinderen +speelden in het slijk, anders was er niets te zien. + +Wat we des avonds niet hadden kunnen zien, was nu zichtbaar, namelijk +de gamal of het mannenhuis, waarvoor als zuilen eenige met wilgenloof +omslingerde palen stonden. Zoowat ieder half uur bracht een man een +varken aan een touw op het plein. Daar sommige van die dieren met de +gewonden tanden heel kwaadaardig zijn, waren er wel eens twee mannen +noodig, om het varken vast te houden. Het hoofd danste herhaaldelijk +om het dier heen en ging dan de gamal binnen. + +Het valt niet gemakkelijk, zich telkens het noodige aantal zwijnen te +verschaffen, om in een hoogere kaste te worden opgenomen. Men leent +ze vaak, en nu bestaan er talrijke amuletten, die den zoekende bij +zijn vragen kunnen helpen. Meestal zijn dat vreemd gevormde steenen, +vaak ook kleine varkentjes, uit zachte tufsteen gesneden, die men in de +hand of in den gordel draagt, om de harten milddadig te stemmen. Zulke +amuletten erft men dikwijls, en ze worden voor groote sommen gekocht. + +De heele namiddag ging ermee heen, eer alle varkens omdanst waren. Wij +brachten den tijd meestal in de open lucht rillend door, wat we nog +verkozen boven het oponthoud in de hut. Daar toch lagen schots en +scheef over elkander in de ongemakkelijkste houdingen de dansers +van den vorigen avond te snorken. Anderen klappertandden van kou, +en weer anderen keken grimmig in het rond. Er werd ons een eereplaats +aangeboden op een dwarshout, en daar zou het wel goed zijn geweest, +als niet een bevende oude man zich, als om warmte te zoeken, tegen +mij had aangedrukt en in zijn halve sluimering zijn met olie gedrenkt +hoofd op mijn schouder wilde leggen, en het alleronaangenaamst waren +myriaden vlooien, waarvoor ik mij eerst veel te laat door de vlucht +uit de voeten maakte. + +In den namiddag waren ongeveer zestig varkens vastgebonden. De hoofdman +nam een ouden geweerloop en sloeg den dieren den schedel in. Honden +en menschen vielen op de stuiptrekkende slachtoffers aan; de honden +likten het bloed op, de menschen droegen brokken mee naar huis, en de +gastheer, de "big fellow master", kon het hoofd eenige duimen hooger +dragen, al was het feest in den echten zin in het water gevallen; +wij gingen druipnat door het druipende woud naar huis en trokken zoo +spoedig mogelijk droge kleeding aan. + +Vroeger werden bij dergelijke gelegenheden ook menschen opgegeten, +om de feestelijkheid te verhoogen. Het laatste kannibalenmaal +was in deze streek in het jaar 1906 gehouden en had de volgende +aanleiding. Verscheiden jonge mannen liepen als altijd met hun +geladen en gespannen geweren door het bosch, de een achter den +ander. Daarbij ging het geweer af van een jongen knaap, die geen +vrienden en verwanten had, en doodde zijn achterman, den zoon van een +invloedrijk inboorling. Allen waren het erover eens, dat er van een +moordplan geen sprake was, maar dat alleen een ongelukkig toeval in +het spel was. Niettegenstaande dat verlangde de bedroefde vader een +aanzienlijke som van den armen jongeling, die ze zelf niet kon betalen +en wien niemand de verlangde zwijnen wilde leenen. Daar de vader +dreigde en aandrong, vluchtte de jongen naar een naburig dorp. Daar +werd hij wel vriendelijk opgenomen, maar in het geheim stuurden de +menschen een boodschap naar den vader en verzochten instructies, +wat ze met den jongen man moesten doen. Het antwoord luidde: "Straf +hem met den dood en eet hem op!" De dorpelingen gaven toen een groot +feest ter eere van hun lieven gast, en sloegen hem daar met een bijl +dood, om hem daarna naar den eisch te braden. + +Ik keerde naar Port Olry terug, waar ik den pater niet meer +aantrof. Hij was op een voorbij varend schip weer naar een anderen +collega gereisd, daar zijn beroepsplichten hem veel vrijen tijd +lieten. Hij bezette namelijk in Port Olry op Espiritu Santo een +verloren post, daar de inboorlingen van de zending niets wilden weten, +al stonden ze er niet bepaald vijandig tegenover. Maar een innerlijke +behoefte aan bekeering voelden ze niet, en daar de arme katholieke +zending hun geen groote voordeelen kan aanbieden in tegenstelling tot +de rijkere presbyteriaansche missie, zagen ze geen reden, waarom ze +hun oud geloof zouden opgeven. De goede pater leefde hoogst eenvoudig +in een bouwvallig huis met een oud echtpaar uit Malekula. + +Bij de afwezigheid van den pater verliep het leven als gewoonlijk. Ik +bezocht de dorpen, verzamelde schedels of ging op de jacht of +uit visschen. Paul en een vriend verkochten mij een paar aardige +varkentjes, waarvan het eene dadelijk in den kookpot verhuisde. Den +volgenden dag kwam een schuchtere man en beklaagde zich bij mijn +bedienden, dat Paul de zwijntjes van hem had gestolen. + +"Natuurlijk weer Paul", dacht ik en ijlde naar het dorp met het +stellig voornemen, hem eens duchtig de waarheid te zeggen. Ik vond +hem in de hut, languit voor het vuur uitgestrekt. Hij bekende in +de grootste openhartigheid, dat hij wel zelf de dieren niet had +gestolen, maar ze voor zijn vriend, die ze had weggenomen en die +de Biche-la-mar of vreemde taal niet kon spreken, had verkocht. Ik +vond zijn kalmte daarbij zoo opmerkelijk, dat het mij bijna speet, +de koopsom, wat tabak, weer terug te vorderen. Hij gaf die gewillig +af, en toen zetten de dief en de bestolene zich samen aan het vuur +en bespraken het geval rustig en zakelijk, alsof ze er niet zelf +bij betrokken waren. Ik keerde toch onbevredigd terug en wist niet, +of Paul zeer naïef of uiterst slim was. + +Eenige dagen later klaagde een inboorling, dat zijn broeder ziek was, +en of ik hem medicijn wilde geven. Ik kreeg eindelijk zooveel uit hem, +dat de patiënt een gezwollen lijf had en vernam toen ook de oorzaak, +namelijk dat hij acht dagen geleden op een doodenmaal alleen een heel +vierdepart van een varken had opgegeten. Men wou dat echter niet als +de oorzaak van de ziekte erkennen; maar men hield stijf en sterk vol, +dat hij door den een of anderen vijand was vergiftigd. + +Ik gaf den man calomel met de aanwijzing, het den zieke dadelijk te +brengen, want het moest gauw gebeuren. Maar de man verpraatte zijn +tijd; het werd nacht; hij durfde niet alleen door het bosch te gaan +en sliep aan de kust. Den volgenden morgen stierf de zieke. De bode +haalde de schouders op en zei, dat het nu eenmaal zoo was. + +De dood maakte natuurlijk de vergiftiging tot zekerheid, en daarom +werd het lijk niet begraven, maar in de hut op een baar gelegd met +al zijn sieraden. Om hem heen zaten de vrouwen. + +Een afschuwelijke reuk vervulde al spoedig de hut, waar de vrouwen +nog tien dagen lang bij het rottende lijk in een wolk van vliegen +moesten verblijven. Ze verbrandden daarbij sterk riekende kruiden, +en om de vloeistoffen te laten wegloopen uit het bewoonde gedeelte +van de hut, werd dwars erdoorheen een goot gegraven. + +Neus en mond van den doode waren met aarde en kalkbrij dichtgemaakt, +misschien, om de ziel in het lichaam te houden. Om het lijk maakte men +in de hut een miniatuurhuisje van bamboe en liet het daarin vergaan. + +In de naburige gamal zaten de mannen, boos en wraakzuchtig, en zinden +op oorlog. Die brak dan ook spoedig uit na mijn vertrek en stelde +den zendeling aan groote gevaren bloot. + +De heeren Th. hadden de vriendelijkheid gehad, mij uit te noodigen +voor een tochtje naar Maevo, het noordoostelijkste eiland van de +groep. Nadat we verscheiden dagen op goed weer hadden gewacht, +voeren we eerst naar Aoba, waar we den nacht doorbrachten; toen +langs de kust, waar we niet minder dan twaalf werfschepen zagen, +die natuurlijk ieder minstens een half dozijn inboorlingen aan boord +hoopten te krijgen. Als men bedenkt, dat dit meer dan een half jaar +zoo voortduurt, en dat alleen die inboorlingen zich verhuren, die om +de een of andere reden zich te huis niet meer op hun gemak voelen, +zal men inzien, dat de niet meer talrijke bevolking der betrekkelijk +kleine eilanden niet aan de behoeften van de planters kan voldoen. + +Met een flinke vaart voer de kleine kotter door het kanaal tusschen +Aoba en Maevo. In een kouden regen wierpen we het anker uit bij +Naroworo. Na de gebruikelijke dynamietontploffing brachten we +eenige arbeiders aan land, die hun jaar bij de heeren Th. hadden +uitgediend. Een deel van hun loon hadden ze in goederen omgezet, +en nu versierden ze zich met al die heerlijkheden, om zich aan de +hunnen voor te stellen in volle pracht en staatsie. Splinternieuwe +broeken, prachtige witte tricothemden, kleurige dassen, elegante +hoeden, schoenen, die hun het loopen moeilijk maakten, en, groote +parapluies. Ze zagen er beklagenswaardig uit in dien staat, want ze +voelden zichzelven ongemakkelijk in de ongewone kleeding en hadden +veel moeite, die behoorlijk aan te trekken. Tegen den middag kwamen +vrienden en bloedverwanten aan de kust, om hen af te halen. De +ontvangst was aan weerszijden merkwaardig koel; nauwelijks groette +men elkander, en het leek, of men elkaar pas gisteren had gezien. Met +meer belangstelling werd de inhoud van de kist onderzocht, die ieder +arbeider meekrijgt, en waarin de rest van de goederen wordt geborgen, +die hij niet aan het lijf kan hangen, lampen, petroleum, katoen, +messen en dergelijke dingen. Meestal worden die koffers door de lieve +verwanten al aan de kust geplunderd, zoodat de man weinig loon voor +zijn arbeid krijgt. Hier echter liet men den schat intact en droeg +de zware kisten de bergen in. Zonder een plechtig afscheid van hun +meester slopen de arbeiders achter hun bezitting aan. Dat en de koele +ontvangst zijn hier zoo de étiquette. + +Maevo is beroemd om de mooie vlechtwerken, die er vervaardigd +worden, kleine en groote matten van pandanenbladeren, vaak prachtig +gemaakt. Eenige vrouwen hadden er verscheiden voor ons uitgespreid, +en we konden een groot aantal koopen. Overigens wordt er weinig moois +op Maevo vervaardigd, en houtsnijwerk ontbreekt geheel. + +De bevolking verschilt van die van Santo, en de zeden zijn er +anders. De mannen dragen niets dan een bosje bladeren voor het lijf; +de vrouwen een dergelijke rij matjes als op Malekula. Het viel mij op, +hoeveel lang krullend haar men er ziet, meestal samengaand met een +nog al lichte huidskleur. Ook zijn hier de vrouwen groot en geneigd +tot zwaarlijvigheid. Eenige mannen waren ook forsch gebouwd en hebben +haakneuzen, wat op polynesische bloedmenging kan wijzen. Naast dit +type vindt men er een kleiner, donkerder, met kroeshaar als van +negers. Dat is het melanesische type. + +In het kalkgesteente, dat de kust der eilanden vormt, zijn verscheiden +holen, waar de inboorlingen thans nog voor een deel slapen, als ze aan +de kust komen. Een ervan was zeer diep, en de zwarten waren er bang +voor en wilden ons niet begeleiden bij ons bezoek, daar gebracht. We +vonden er niets anders dan vleermuizen, die bij de storing ons om +het hoofd vlogen. De andere holen waren niet anders dan overhangende +rotsen. Ik groef er in de vuurplaatsen, of ik er mogelijk steenen +werktuigen zou kunnen vinden; maar de haarden waren maar oppervlakkig, +en ik haalde er slechts wat splinters van schelpen uit. + +Op een dag ondernam ik een tocht dwars door het eiland, dat daar +heel smal is. Mijn bediende uit Santo was vreesachtig en waarschuwde +mij, dat de menschen van Maevo niet te vertrouwen waren. Hij wou +volstrekt wapens meenemen, en om hem gerust te stellen, liet ik hem het +jachtgeweer dragen. Hij belastte zich nog bovendien met een heele doos +patronen en was dus van plan, zijn leven duur te verkoopen. Natuurlijk +hadden we de wapens niet noodig; de menschen waren allen vreedzaam en +gastvrij, al hadden ze nooit blanken gezien. Voor de handelaars heeft +het aan copra arme eiland geen belang, en het klimaat is zoo vochtig, +dat de zendelingen zich allen na korten tijd moeten terugtrekken om +hun rheumatiek. Nu bezoekt telkens een zendeling van de melanesische +missie het eiland voor een paar weken in het jaar en laat voor het +overige het werk in handen van de inlandsche onderwijzers. + +De weg was steil, en mijn boy kreeg de straf voor zijn onredelijke +vreesachtigheid door de zwaarte van de patronen. Ik genoot van de +schilderachtige uitzichten. De flora was veel rijker dan op Santo, +en de bergachtigheid riep prachtige landschappen te voorschijn. Van +de pashoogte, die wij in ongeveer drie uren bereikten, hadden +we door het woud een heerlijk gezicht op den Stillen Oceaan, de +eindelooze watervlakte, die ik in San Francisco eens uit het Oosten +had bewonderd. Het ging nu steil naar beneden, en kleine beekjes +vergezelden ons op ons pad. Liefelijke watervalletjes waren overal +tusschen de kleurige planten te zien, en zooals de beide knapen, +die met ons gingen als gidsen in hun bruine naaktheid met de roode +bloemen boven ieder oor, zich onder den straal plaatsten en het +afkoelende water in den mond opvingen, schiepen ze een tooneeltje, +dat mij nooit uit de herinnering zal gaan. Men is bij zoo'n gelegenheid +teleurgesteld, dat de kleurenphotografie nog niet practisch bruikbaar +is, of ook dat men met de camera te laat komt, want tot poseeren kan +men de inboorlingen natuurlijk niet brengen. + +De menschen in het dorp waren zeer vertrouwelijk, en brachten mij hun +schatten, matten, wapens, banden van schelpen en varkenstanden. In +de buurt van de huizen waren de goed onderhouden dansplaatsen, +en verder in het bosch stonden manshooge monolieten, resten van een +vroegeren eeredienst, dien het tegenwoordige geslacht niet meer kent, +maar waartegen ze nog eerbiedig opzien. + +Bij den terugkeer naar de westkust vond ik in een dorp de +arbeiders, die wij hadden teruggebracht. Enkelen waren nog in hun, +nu vuil geworden, feestdracht; de anderen hadden zich weer aan het +nationale costuum gewend, den eenvoudigen katoenen lendenband. Het +bladerbundeltje was hun toch te primitief. Ze waren juist aan de +voorbereiding van kawadrinkerij en begonnen al aardig vroolijk te +worden. Men drinkt hier kawa als wij bier, dus als men er lust in +heeft, en de gelegenheid zich voordoet. Van de oude plechtigheden +bij gebruik en bereiding van den drank is niets overgebleven. De +wortel wordt met scherpe koralen geraspt en de vezels met water +gekneed. De dunne brij wordt door de scheede van een palmblad in een +kokosschaal gegoten en smaakt naar zeepwater met pepermunt. Ze brandt +in den mond, zoodat de drinkers telkens met kokosmelk spoelen voor +de verzachting. De uitwerking bij overdadig gebruik is een slaperig +tevreden stemming en een lam gevoel in de beenen. + +Nadat we ons nog een paar dagen aan de kust hadden opgehouden en +daarbij twee inboorlingen hadden kunnen recruteeren, voeren we naar +huis, waar we door de beide honden van de heeren Th. met stormachtige +blijdschap werden begroet. + +Zooals afgesproken was, verwachtten mij mijn boys met de kleine +roeiboot van den pater in Hog Harbour. Wij voeren langs de kust +naar Port Olry, waar na een paar dagen een van de broeders Th. weer +verscheen. Hij deed een toer om Santo en bood mij aan, mij naar +Talamacco mee te nemen. Ik nam van mijn gastheer, pater B., weemoedig +afscheid, want wij waren in de bijna twee maanden, die ik in zijn huis +had mogen doorbrengen, vrienden geworden, en ik geloof, dat hij zijn +hernieuwde eenzaamheid niet juist met genoegen tegemoet zag. Ik heb +hem, helaas, niet meer gezien. In Port Olry en Hog Harbour is het later +zeer woelig geweest; maar de pater is er niet het offer van geworden. + +In Talamacco ontving de heer F. mij weer gastvrij en ruimde voor mij +een huis in, dat hij eens voor zijn jonge, kort geleden gestorven +vrouw had laten bouwen. Hij heeft mij gedurende mijn verblijf van +twee maanden de grootste vriendelijkheden bewezen en mijn studiën +naar vermogen gemakkelijk gemaakt. + +Daar er in de naaste omgeving niet veel interessants was te zien, +besloot ik, een reis naar Centraal Santo te ondernemen. Ik besprak +het plan met den heer F., die mij zijn opzichter, den moli, voor den +tocht ter beschikking stelde. Deze zorgde voor dragers en beloofde, +op reis toezicht op hen te houden. Ik heb veel dienst van hem gehad, +vooral omdat hij met bijna alle hoofden van het binnenland bekend was, +en ik mij in alles op hem kon verlaten. + +Na een lange regenperiode was er een heldere dag gekomen, waarop wij +na een vaart van drie uren bij de monding van de Jordaan aan wal +gingen. De dragers droegen de bagage aan land en trokken toen met +geschreeuw en druk gepraat de boot in het struikgewas en dekten ze met +takken toe. Over een paar dagen zou de boot door andere inboorlingen +weer naar haar plaats worden teruggebracht. + +Wij trokken ons terug in de schaduw van het oerwoud en kookten ons +middagmaal, een taak, waar de dragers zich met ambitie aan wijdden. Er +was rijst en voor ieder, om de geestdrift voor de onderneming aan te +wakkeren, een teugje absinth. Ik liet toen de bundels snoeren en de +negen dragers braken op met den moli aan de spits. Eerst ging het door +de vlakte, die de Jordaan gevormd heeft met bergpuin; we lieten de +rivier westelijk liggen en marcheerden in zuidoostelijke richting. Na +een uur traden we uit het woud in een moerassige vlakte, wat op Santo +iets zeldzaams is; het riet was er meer dan van manshoogte. Tegen +de schemering moesten we door het bosch ons op een door den regen +glibberig pad omhoog werken naar een overhangende rots, waar we den +nacht zouden doorbrengen. We waren er droog; het schijnsel van de +vuren reikte niet ver en zette slechts de naaste omgeving in een rood +licht. De zwarten moesten zich wegens watergebrek met thee en beschuit +tevreden stellen, daar we geen rijst konden koken. Ze gingen al spoedig +slapen op een legerstede van bebladerde takken naast het glimmende +houtvuur. Ik las nog korten tijd en bluschte toen de lantaarn. + +Des morgens moesten de dragers zich met droge beschuit vergenoegen; +er was nog juist zooveel water, dat ik een kop thee kon krijgen. De +moli was den weg kwijt, en eerst na lang zoeken kwamen we weer op het +goede pad. Het was een eentonig dringen door de struiken, ontwarren +van lianen en omtrekken van al te dichte gedeelten. Gelukkig stieten we +op bamboeboschjes, die water leverden voor mijn dorstige dragers. Ook +vulden we ons vaatwerk en kookten thee. Over een oneffen plateau +vervolgden we onzen weg, en na een half uur troffen we een goed +onderhouden aanplanting van yams en weldra een ontgonnen gedeelte, +waar bataten, yams en kawa werden gekweekt. In de nabijheid van het +dorp verzamelde ik mijn troep en in een net gelid trokken we het +dorp binnen. + +Hoewel de bewoners vriendelijk gezind heetten, kon ik toch bemerken, +dat mijn mannen zenuwachtig waren. Ze grepen hun wapens ostentatief +vast en bleven dicht bij elkander. Op een plein stond het mannenhuis, +een lang en laag gebouw met rieten dak, rustend op den grond. In de +donkere, vochtige ruimte lag maar een enkele man, die door lepra een +voet had verloren. Met moeite stond hij op en deelde aan den moli mee, +dat de beide hoofden in een naburig dorp bij een feest waren, en dat +de andere mannen verspreid waren op de velden. Wij gingen dus geduldig +op den grond zitten wachten, door varkens besnuffeld, terwijl de moli +een trommel bewerkte, die voor de gamal in het slijk lag. Hij had zijn +eigen maat, die de inboorlingen van het district kenden en gaf daardoor +zijn aankomst te kennen. De mannen kwamen langzamerhand opdagen. + +Bijna allen waren ziek en leden aan lepra, elefantiasis of +tuberculose. Allen waren na de lange regenperiode verkouden, +waren aan het hoesten of leden aan rheumatiek, een treurig beeld +van ziekte en verval. Ik liet de bagage in de hut brengen en beval +de boys eten te koopen, kippen, yams, varkens en kokosnoten. De +menschen schenen overvloed te hebben, want ze brachten ons meer, dan +we noodig hadden, en waren met wat tabak en een paar doosjes lucifers +tevreden. Terwijl mijn mannen bezig waren met het vuur, deed ik eenige +lichaamsmetingen, en al was er wel een beetje wantrouwen bij het zien +van de glinsterende instrumenten, de tabak was te aanlokkelijk en +overwon de bedenkingen. Een nieuwsgierige menigte stond om mij heen +en verhoogde de onbehagelijkheid van wie object van mijn arbeid moest +wezen. Men is verbaasd, vreest voor geheime tooverij, maar wil den +blanke toch niet graag het bevelend verzoek weigeren. De vrouwen, +die in de verte toezagen, want ze mogen het plein om de gamal niet +betreden, waren leelijk en hadden weer het met asch besmeerde, kale +hoofd, terwijl ze in het tusschenschot van den neus korte stokjes +droegen of platte steentjes. + +Tegen den avond verschenen de hoofden, twee groote, knappe mannen met +lange baarden en dichte haarbossen. Als teeken van hun waardigheid +hadden ze breede armbanden om en donker gekleurde crotonbladeren +aan den lendengordel. In hun haar hadden ze een eenvoudigen kam en +zwijnestaartjes, en in de ooren sieraden van schildpad en been. Op +mijn laag veldbed sliep ik in de gamal, omsnuffeld door honden, die +kwamen en gingen in de hut. Des morgens liet ik de vrouwen aan den +rand van het plein komen en begon mijn metingen. Er heerschte onder de +vrouwen en meisjes een stemming van onderworpenheid en gedruktheid, +zooals bij haar slavinnenpositie te verwachten was. Komisch was +het, hoe onhandig ze waren bij het photografeeren. Ze konden zich +niet rustig houden en bewogen handen of vingers, voeten of teenen op +zenuwachtige manier. De profielopneming was haar niet aan het verstand +te brengen. Toch gelukten ten slotte enkele opnamen. + +Voor het vervoer van de groote, den vorigen dag gekochte yams had +ik meer dragers noodig, en gewillig boden de hoofden aan, mij te +helpen. Er was niet veel lust bij de mannen, om mij te vergezellen, +en het bevel van de hoofden had weinig effect. Toen had één van hen +het idee, zijn vrouwen voor den dienst te gebruiken, en dadelijk +stonden zijn vijf gemalinnen op en belastten zich met driemaal zoo +zwaren last als de mannen. Die werd met lianen samengebonden en op +het hoofd gedragen. Alleen de favoriete droeg niet anders dan een +kleine vrucht en mocht voorop gaan en den weg open slaan. Zij was +een nog mooie, jonge vrouw. + +De heele colonne van wel dertig personen liep nu in den helderen morgen +een paar uren over vrij gelijk terrein tot naar het volgende dorp. Bij +den rand van de open plek om het mannenhuis gingen de vrouwen zitten +naast de lasten. De vrouwen uit het dorp kwamen bij haar en lieten +zich allerlei vertellen van den grooten dokter en toovenaar. Wij +mannen begaven ons in de gamal, waar de bewoners ook terstond werden +ingelicht. De gezondheidstoestand was hier nog treuriger dan in het +eerste dorp; ik zag geen enkelen gezonde, en de zindelijkheid liet +nog meer te wenschen over. Overal zweren en builen en uitgeteerde +gestalten. + +Ik betaalde de dragers uit het andere dorp met tabak en lucifers, nadat +ze met den prijs zich tevreden hadden verklaard. Toen ze op het punt +waren, weg te gaan, zei de tolk, dat ik de vrouwen nog moest betalen, +wat echter in den prijs was begrepen. Ik hield het voor een middeltje, +om den blanke nog meer af te persen en weigerde beslist. Er was lang +een ontevreden wachten voor de hut, tot ze eindelijk verdwenen, maar +de stemming was erdoor bedorven, en ik beproefde niet, de menschen te +meten, wetend, dat ik geen succes zou hebben met mijn verzoek. Daarbij +deed zich het onaangename gevolg gevoelen van mijn verblijf onder deze +wilden, want ik vond in mijn hoed, mijn zakken en overal bloeiende +koloniën van ongedierte. Het was een gruwelijke gewaarwording, en +hier kon ik niet aan een grondige reiniging denken. + +Slechts met groote moeite kon ik eenige dragers voor het volgende +dorp krijgen, waar het hoofd en eenige mannen voor de gamal zaten en +koel en onvriendelijk waren. De dragers verlieten ons, en ofschoon +ik hier geen hulp kon krijgen, waren ze niet te bewegen tot verderen +dienst. Het hoofd, dat goed Engelsch sprak, wou wel met ons meegaan, +maar zei, geen enkelen gezonde ter beschikking te hebben. Mijn mannen +waren ook mismoedig; ik kon hun geen zwaardere lasten geven. Ik liep +met den hoofdman vooruit, toen de moli mij kwam zeggen, dat er een +bedenkelijke gisting onder de lieden was; ze waren bang, om verder +in het binnenland door te dringen en wilden allen deserteeren. Ik +liet stilhouden en verklaarde, dat de lasten niet te zwaar waren, +dat ze gisteren bijna niets en vandaag nog niet veel hadden gedaan, +en dat ze allen konden wegloopen, als ze wilden; de moli en ik zouden +den weg wel samen vinden. Als de lasten te zwaar waren, zou ik de +conservenbussen wel weggooien en ook de beide flesschen sterken drank, +die ik niet voor mijzelf had meegenomen. Ik beval, de flesschen uit +te pakken en tegen de rots te verpletteren. Dat was te veel; haast +schreiend smeekten ze mij, dat toch niet te doen; ze wilden den last +wel dragen, en de weg was niet meer lang. Aarzelend gaf ik toe en na +een paar dreigementen had ik gewonnen spel, maar het vertrouwen in +mijn mannen had een schok gekregen. + +De volgende dagen bleven ze gewillig en goed, terwijl ik in het +Noordoosten van het eiland nog eenige dorpen bezocht. De moli begon +naar huis te verlangen, en het seizoen was niet gunstig, om dragers +te krijgen, daar de inboorlingen op hun velden moesten zijn. Daarom +besloot ik tot den terugtocht. Het bevel daartoe gaf mijn mannen +nieuwe kracht, zoodat we in razende vaart voort marcheerden. In een +halven dag hadden we de helft van den terugweg afgelegd, en des avonds +sloegen we ons kamp op aan den oever van de Jordaan, waar we ons in +het koele rivierwater flink konden afspoelen. Hier was het in den +frisschen wind beter kampeeren dan in de dorpen tusschen varkens en +honden en kippen, samen met allerlei ongedierte. + +Het ging den volgenden dag langs de rivier door een onbewoonde streek, +en in den laten namiddag lag de baai voor ons. Nu moest er nog een +paar uren gemarcheerd over het strand, waarbij we rivieren moesten +doorwaden, maar des avonds waren we bij den heer F. Na de afbetaling +der dragers volgden een heerlijk bad en een goed maal. + +Wetenschappelijk had de reis niet veel opgeleverd, maar ik had de +natuur en de leefwijze van de binnenlandsche stammen leeren kennen, +en moest tot het bedroevend inzicht komen, dat wegens ziekte, gebrek +aan vrouwen en weinig geboorten er niet veel jaren meer behoeven te +verloopen, of de bevolking van Centraal Santos zal uitgestorven zijn. + + + + + +AANTEEKENING + + +[1] Tekst en illustraties ontleend aan Felix Speiser, Südsee, Urwald, +Kannibalen, Leipzig, R. Voigtländer's Verlag 1913. + + + + + +End of the Project Gutenberg EBook of In het Oerwoud en bij de Kannibalen op +de Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2), by Felix Speiser + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK KANNIBALEN OP DE NIEUWE HEBRIDEN *** + +***** This file should be named 24649-8.txt or 24649-8.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + http://www.gutenberg.org/2/4/6/4/24649/ + +Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed +Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ + + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +http://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at http://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at http://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit http://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including checks, online payments and credit card donations. +To donate, please visit: http://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + http://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. |
