summaryrefslogtreecommitdiff
diff options
context:
space:
mode:
-rw-r--r--.gitattributes3
-rw-r--r--24649-8.txt3222
-rw-r--r--24649-8.zipbin0 -> 73183 bytes
-rw-r--r--24649-h.zipbin0 -> 2408762 bytes
-rw-r--r--24649-h/24649-h.htm3386
-rw-r--r--24649-h/images/id1917-361.gifbin0 -> 2563 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/is1917-385.gifbin0 -> 2199 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/o1917-384.gifbin0 -> 1447 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/o1917-400.gifbin0 -> 1011 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-361.jpgbin0 -> 55597 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-362.gifbin0 -> 30028 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-363.gifbin0 -> 37277 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-364.jpgbin0 -> 41617 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-365-1.jpgbin0 -> 25027 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-365-2.jpgbin0 -> 33271 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-367.jpgbin0 -> 40967 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-368.jpgbin0 -> 68507 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-369.jpgbin0 -> 55357 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-371-1.jpgbin0 -> 75203 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-371-2.jpgbin0 -> 52494 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-372-1.jpgbin0 -> 81828 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-372-2.jpgbin0 -> 81672 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-373.jpgbin0 -> 65796 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-375.jpgbin0 -> 28272 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-376-1.jpgbin0 -> 36693 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-376-2.jpgbin0 -> 37197 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-377.jpgbin0 -> 79281 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-379.jpgbin0 -> 72138 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-380-1.jpgbin0 -> 50094 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-380-2.jpgbin0 -> 41165 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-381.jpgbin0 -> 124411 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-383.jpgbin0 -> 33788 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-384.jpgbin0 -> 110708 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-385.jpgbin0 -> 62313 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-386.jpgbin0 -> 34349 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-387.jpgbin0 -> 92356 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-388.jpgbin0 -> 78063 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-389-1.jpgbin0 -> 23669 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-389-2.jpgbin0 -> 19701 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-389-3.jpgbin0 -> 14930 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-389-4.jpgbin0 -> 17665 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-389-5.jpgbin0 -> 22982 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-392-1.jpgbin0 -> 36620 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-392-2.jpgbin0 -> 73161 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-393-1.jpgbin0 -> 33795 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-393-2.jpgbin0 -> 30160 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-393-3.jpgbin0 -> 39842 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-395-1.jpgbin0 -> 36046 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-395-2.jpgbin0 -> 41701 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-396.jpgbin0 -> 99780 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-397-1.jpgbin0 -> 71655 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-397-2.jpgbin0 -> 63199 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-400-1.jpgbin0 -> 39004 bytes
-rw-r--r--24649-h/images/p1917-400-2.jpgbin0 -> 29876 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p361a.pngbin0 -> 76374 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p361b.pngbin0 -> 48055 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p361c.pngbin0 -> 43168 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p362.pngbin0 -> 187527 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p363.pngbin0 -> 196712 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p364.pngbin0 -> 237172 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p365.pngbin0 -> 246945 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p366a.pngbin0 -> 128862 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p366b.pngbin0 -> 122720 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p367.pngbin0 -> 244011 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p368.pngbin0 -> 291892 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p369a.pngbin0 -> 37338 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p369b.pngbin0 -> 65570 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p369c.pngbin0 -> 73110 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p370a.pngbin0 -> 127100 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p370b.pngbin0 -> 125320 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p371.pngbin0 -> 270820 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p372.pngbin0 -> 266809 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p373.pngbin0 -> 224451 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p374a.pngbin0 -> 119315 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p374b.pngbin0 -> 122580 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p375.pngbin0 -> 250952 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p376.pngbin0 -> 261931 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p377a.pngbin0 -> 211093 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p377b.pngbin0 -> 64435 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p377c.pngbin0 -> 71377 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p378a.pngbin0 -> 121463 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p378b.pngbin0 -> 120601 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p379.pngbin0 -> 251991 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p380.pngbin0 -> 276290 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p381.pngbin0 -> 333553 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p382a.pngbin0 -> 124372 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p382b.pngbin0 -> 121895 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p383.pngbin0 -> 261925 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p384.pngbin0 -> 205191 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p385a.pngbin0 -> 155020 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p385b.pngbin0 -> 55404 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p385c.pngbin0 -> 52704 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p386.pngbin0 -> 257302 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p387.pngbin0 -> 284704 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p388.pngbin0 -> 319309 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p389.pngbin0 -> 267690 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p390a.pngbin0 -> 118507 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p390b.pngbin0 -> 120543 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p391a.pngbin0 -> 124713 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p391b.pngbin0 -> 123056 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p392.pngbin0 -> 329243 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p393a.pngbin0 -> 41528 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p393b.pngbin0 -> 46907 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p393c.pngbin0 -> 45495 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p393d.pngbin0 -> 69454 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p393e.pngbin0 -> 76166 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p394a.pngbin0 -> 123159 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p394b.pngbin0 -> 124453 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p395.pngbin0 -> 299913 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p396.pngbin0 -> 305731 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p397a.pngbin0 -> 76444 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p397b.pngbin0 -> 62254 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p398a.pngbin0 -> 124515 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p398b.pngbin0 -> 122623 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p399a.pngbin0 -> 128714 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p399b.pngbin0 -> 128691 bytes
-rw-r--r--24649-page-images/p400.pngbin0 -> 245189 bytes
-rw-r--r--LICENSE.txt11
-rw-r--r--README.md2
119 files changed, 6624 insertions, 0 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes
new file mode 100644
index 0000000..6833f05
--- /dev/null
+++ b/.gitattributes
@@ -0,0 +1,3 @@
+* text=auto
+*.txt text
+*.md text
diff --git a/24649-8.txt b/24649-8.txt
new file mode 100644
index 0000000..b78c458
--- /dev/null
+++ b/24649-8.txt
@@ -0,0 +1,3222 @@
+The Project Gutenberg EBook of In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de
+Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2), by Felix Speiser
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2)
+ De Aarde en haar Volken, 1917
+
+Author: Felix Speiser
+
+Release Date: February 19, 2008 [EBook #24649]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK KANNIBALEN OP DE NIEUWE HEBRIDEN ***
+
+
+
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+
+
+
+
+
+
+ De Aarde en haar Volken: Geïllustreerd Maandblad
+
+
+ In het Oerwoud en bij de
+ Kannibalen op de Nieuwe Hebriden. [1]
+
+ Naar het Duitsch van Felix Speiser.
+
+
+
+
+De schetsen, die Felix Speiser tijdens zijn reis naar de Nieuwe
+Hebriden ten papiere bracht, willen geen uitvoerige beschrijving
+geven van de eilanden en hun bewoners. Hij nam de pen ter hand, om aan
+zijn vrienden, van wier belangstelling hij overtuigd was, iets mee te
+deelen van zijn indrukken. Hij heeft ernaar gestreefd, zegt hij in de
+voorrede van zijn boek, bij zijn bekenden eenig gevoel te wekken voor
+de heerlijke koraaleilanden en hun idyllischen vrede, voor den ernst
+van het donkere oerwoud en den grimmigen toorn van den oceaan. Hij
+wilde de lezers bekend maken met het eenvoudige en toch bewegelijke
+leven van de inboorlingen, met hun grillig karakter, waarin men nu eens
+op schuwe nieuwsgierigheid stuit, dan op verraderlijke vrees, heden op
+trotsche zelfstandigheid en morgen op goedmoedige onderdanigheid. Hij
+hoopte, dat uit zijn woorden mochten klinken het vleiende ruischen
+der palmen en het zware grommen der branding; hij zou anderen willen
+doen meegevoelen de vroolijkheid, die het klare koraalstrand wekt,
+en den ernst, waarmee het oerwoud de ziel van den zwerver vervult.
+
+Of het hem is gelukt, mogen onze lezers beoordeelen.
+
+Den 26sten April 1910 bereikte ik Nouméa op Nieuw Caledonië met de van
+Marseille komende stoomboot van de Messageries Maritimes, waarop ik
+mij te Sydney had ingescheept. Vier dagen later kwam de "Pacific" uit
+Sydney in Nouméa en nam mij mee naar de Nieuwe Hebriden. Nouméa maakt
+geen al te besten indruk; sedert Nieuw Caledonië geen strafkolonie
+meer is, nam de achteruitgang snel toe, en men krijgt in de stad den
+indruk, dat ze nog in haar eigen aanleg moet groeien, zoo leêg en
+verlaten doen zich de pleinen voor, zoo onverzorgd zijn de tuinen,
+en zoo weinig aantrekkelijk zien de huizen eruit. Hier en daar zijn
+over de trottoirs daken van gegolfd plaatijzer gespannen, waaronder
+men naar stoffige winkels kan kijken, en waar op iederen hoek een
+matrozenkroeg lokt. Er is een raadhuis, van hout opgetrokken, en
+de residentie van den gouverneur is ook niet veel bijzonders. De
+ambtenaren spelen kaart in de club en gaan vroeg naar bed, nadat ze
+zich hebben laten vermaken door afgespeelde operadiva's uit Sydney
+of door de voorstelling van een kinotheater.
+
+De eenige afleiding is de maandelijksche aankomst en het vertrek van
+de stoomboot uit Sydney, wanneer iedereen op de kade zich vertoont
+en onbekenden toewuift met een naïeveteit, die op de verveling in
+de plaats een helder licht werpt. Het was een druilerige regendag,
+toen wij wegvoeren. Mismoedig stonden de passagiers op het natte dek
+en keken toe, hoe de lading werd verpakt, die bestond uit deelen van
+uit elkaâr genomen huizen, oude spoorrails, kisten met ingemaakte
+levensmiddelen, paarden, prikkeldraad, enz. Het vertrek werd van den
+middag tot den avond verschoven; de blanke passagiers, kolonisten,
+soldaten, kooplieden, werden ongeduldig; maar de inboorlingen trokken
+er zich niets van aan. Voor hen beteekent tijd niets; ze sloegen hun
+dekens om in een droog hoekje en bleven rustig zitten droomen.
+
+Toen we eindelijk wegvoeren, veegde de regen van de bergen af door de
+lucht, en toen er daarna nevel opkwam, moesten wij het anker uitwerpen,
+want de loods was niet zeker van den weg door de vele kleine eilanden
+en ondiepten, die de vaart binnen het Barrièrerif zoo gevaarlijk
+maken. Het was volslagen donker, en het schip rukte onrustig aan
+zijn ankerkettingen. Wie niet zeeziek was, ging naar de rookkamer,
+waar het gesprek natuurlijk op schipbreuken kwam, die in den laatsten
+tijd talrijk waren geweest in deze wateren. Men vertelde avonturen
+met haaien en roggen en sprak over cyclonen. Van tijd tot tijd ging
+er één op het dek en keerde terug met een bedenkelijk gezicht, zoodat
+een ongevaarlijke positie ongemoedelijk begon te worden. Ten slotte
+ging men maar naar zijn hut en kon daar bij gesloten vensters kennis
+maken met tropische hitte en vochtigheid.
+
+Den volgenden dag bij het ontwaken waren we het rif al voorbij en
+rolden op de zware, hooge golven, die de zuidoostpassaat over de
+onmetelijke watervlakte jaagt, en een dag later deden we Port Vila
+aan, de ingangshaven van de Nieuwe Hebriden op het eiland Elate. Uit
+den lichten nevel van den zomermorgen kwamen de vormen van een
+eiland voor den dag en de koepels van bergen, en bij het naderkomen
+onderscheidde men kronen van vijgenboomen, die hoog boven het andere
+groen uitstaken als kathedralen boven de huizen van een stad. Men
+kon nu ook de branding zien schuimen tegen de vlakke kust, zag den
+ingang van de wijde baai, herkende palmen, en onvoorziens waren we
+al in de lagune, waar het water in den zonneschijn fonkelde met den
+glans van juweelen. We hadden nu de vlakke landtongen achter ons, en
+de bocht werd hier omzoomd door steile hellingen van koraalplateau's,
+waarlangs watervallen van oerwoud neerstortten in overweldigenden
+overvloed van gewassen. Er was iets spontaans in die weelde van den
+plantengroei, en men werd herinnerd aan een vulkaan, waarbij de eene
+rookzuil de andere schijnt te willen verdringen. Zoo scheen hier
+de eene boom den anderen te willen verstikken als in de worsteling
+om het leven, waarin de zwakkeren, beroofd van hun plaats, zich nog
+krampachtig vastklemden aan den oever en ver daarbuiten, tot boven
+de spiegelende watervlakte, terecht waren gekomen. Daar, boven het
+water, welfden ze zich in ronde kruinen en vormden een prachtige
+randversiering. Slechts hier en daar bleef het strand vrij, en het
+blinkend witte zand scheidde het blauw van het water van het woudgroen,
+zoodat het landschap in kleurenpracht straalde.
+
+De baai vernauwde zich tot de eigenlijke haven van Port Vila, en kleine
+eilanden lieten kijkjes toe op koele bochten, waar lichtgekleurde
+huizen aan het strand stonden. Op het hooge plateau bij de stad lagen
+grootere villa's, en in het havenbassin witte zeilschepen van de
+planters. Ongeveer duizend meter van het land wierpen we het anker uit.
+
+Zooals ons het kleurige tropische landschap aangenaam aandeed,
+zoo was de aankomst van ons schip een welkome afwisseling voor de
+kolonisten van Vila. Reeds kwamen uit alle richtingen witte roei- en
+motorbooten nader, die om het schip rondvoeren, tot de havendokter den
+toegang toestond. Vlug klauterden de wachtenden tegen het schip op, en
+plotseling was er op dek een druk gepraat, gelach en handgeschud. Een
+vriendelijke planter bracht mij met mijn weinige bagage naar den wal,
+waar ik mij in het hôtel een kwartier zocht.
+
+Het middelpunt van de groote plantages is Mele, maar door haar
+ligging werd Port Vila handelscentrum. In den laatsten tijd echter
+ontwikkelden de omliggende eilanden zich krachtiger, en Port Vila
+wordt meer en meer bestuursplaats, terwijl de eigenlijke handel zich
+afspeelt aan boord van de schepen. Evenmin als Nouméa gaat Port Vila
+vooruit; het is een droomerige, stille plaats, waar de planters uit
+Mele op postdagen wat leven brengen, en de inlanders waren laden
+en lossen. Men kan hier onder matrozen en planters gestrande levens
+vinden, van wie enkele hun afkomst uit betere kringen nog graag nu en
+dan aan den dag leggen, maar anderen ook alle eerzucht dienaangaande
+hebben afgelegd en van de eene herberg naar de andere strompelen,
+waar u grammofoonmuziek en getwist uit tegenklinken.
+
+Iets aardigs zijn de feestelijk uitgedoste vrouwen uit de
+inboorlingendorpen met haar gracieusen gang, de mooie, donkere oogen
+en het bakvischgegichel, die inkoopen komen doen. Ook de zeilbooten
+op het water, waarin bruine mannen kwamen aanvaren, maakten een
+schilderachtigen indruk. Mijn hôtel was niet veel bijzonders. Het eten
+was er goed, maar men kon er zich haast niet wasschen, en de gasten
+waren een zonderling zoodje. Er werd 's avonds sterk gedronken, en
+gespeeld, wat dikwijls met vechtpartijen eindigde. Een vreemdeling
+voelt er zich niet op zijn plaats, en men heeft geen gelegenheid,
+zich terug te trekken. Toen ik het allernoodigste had uitgepakt,
+beklom ik het plateau, om naar de fransche residentswoning te gaan
+en mij den bestuurder voor te stellen. Het kantoor van de engelsche
+residentie was toen nog op het eiland Iririki, waar ik zonder boot
+niet kon komen. Het condominium heeft wel wat meer leven in de plaats
+gebracht door de ambtenaren van beide nationaliteiten.
+
+Het fransche residentshuis was een laag gebouw met een weide eromheen,
+waar kippen en paarden liepen en die een kaal aanzien had. Maar van de
+veranda had men een verrukkelijk uitzicht op den uitgang van de baai,
+doordat de beide oevers te zien waren, die de watervlakte insloten
+en hun landtongen vooruit schoven. Aan den horizon verloor zich dan
+de open zee tot in het oneindige. Iririki ligt aan de overzij op den
+groenen waterspiegel, en men kan gemakkelijk de goed verzorgde tuinen
+onderscheiden met hun mengeling van cultuurplanten en natuurlijken
+plantengroei. Daarnaast ligt de wijde haven in een druk spel van
+kleuren, waarin het donkere purper van de koraalriffen door het water
+te zien is. De pracht van het landschap was wel een vergoeding voor
+het betrekkelijk minderwaardige van het menschenwerk.
+
+De fransche resident, de heer Colonna, ontving mij zeer vriendelijk
+en noodigde mij uit, bij hem mijn intrek te nemen, zoodat ik het
+hôtel vaarwel kon zeggen tot mijn niet geringe vreugde. Ik had mij
+voorgenomen, in Vila met het land en de menschen vertrouwd te worden,
+daar dienstpersoneel te huren en mijn expeditie naar plaatselijke
+omstandigheden in te richten. Maar de resident scheen te meenen,
+dat ik goed zou doen, eerst ook op de andere eilanden rond te zien en
+sloeg mij voor, hem te vergezellen op een inspectiereis, die hij over
+een paar dagen ging ondernemen. Als zijn gast kon ik niet weigeren;
+maar wees op de noodzakelijkheid, dat ik personeel moest huren. Men
+stelde mij gerust met de mededeeling, dat ik gemakkelijk op Espiritu
+Santo, het grootste eiland, waar de resident mij zou afzetten,
+mannen zou kunnen vinden, en dat ik daar ook mij bij een fransche
+opmetingsexpeditie kon aansluiten, wier werk binnen kort in Santo
+zou beginnen.
+
+Aldus gerustgesteld, trof ik mijn voorbereidingen voor het vertrek
+en ordende mijn bagage. De resident scheen niet te weten, dat in
+de haven Canal du Segond geen inboorlingen meer wonen, en dat, wat
+er in de omgeving aan arbeidskrachten aanwezig is, door de planters
+wordt in beslag genomen, zoodat ook de staatsopmetingsexpeditie geen
+arbeiders genoeg had en mij volstrekt niet kon helpen.
+
+Het zou het beste zijn geweest, als ik een eigen schip had zien te
+krijgen; daardoor zou ik veel tijd hebben bespaard, daar ik niet
+van andere schepen afhankelijk had behoeven te wezen. Nu werd ik
+door transportmoeilijkheden opgehouden. Ik vond dus geen personeel,
+en daar ik onbekend was met de verhoudingen op de eilanden, verliet
+ik mij op den raad van den resident en vond den tocht met hem een
+gelukkig toeval.
+
+De residentieboot werd te mijner beschikking gesteld voor mijn bezoek
+aan den engelschen resident op Iririki. Het uiterlijk voorkomen van
+dit residentiehuis was opvallend beter verzorgd; maar de engelsche
+resident was er al vier jaren, en de fransche nog slechts een half
+jaar. De heer Morton King bood mij eveneens gastvrijheid aan, maar
+als gast van den heer Colonna kon ik die niet aannemen, en eerst
+later heb ik veel steun en raad van Mr. King gekregen, waarvoor ik
+hem altijd dankbaar zal blijven. De volgende dagen had ik ook de eer,
+den engelschen rechter van het condominium te leeren kennen, Judge
+Alexander, en den bisschop van de katholieke zending, monseigneur
+Douceré. Beiden beloofden mij steun. Onder gezellige samenkomsten
+verliep de tijd tot het vertrek van het regeeringsjacht "Gallia". Het
+was oorspronkelijk een wedstrijdboot, wat haar vormen nog bewezen; maar
+van binnen was de boot zeer verwaarloosd; gelukkig had ze goede zeilen
+en een voldoend sterken motor, die ook in tegenwind flink kon werken.
+
+Op een donkeren Meimorgen voeren we de baai uit, de resident, de
+rechter, de heer S., en de kapitein met acht politiedienaren van de
+Loyalty-eilanden, die voortreffelijke zeelui waren en hier dienst
+deden als matrozen en politie tegelijk. We hadden dien dag nog een
+fransche plantersvrouw met haar dochter aan boord, wier bestemming
+Port Havannah was in het Noordwesten van het eiland Efate.
+
+Port Havannah is een der beste havens van de groep, omdat er
+veel ruimte is, en men niet door koraalriffen wordt gehinderd. Het
+eenige nadeel is de groote diepte, waardoor kleinere vaartuigen geen
+ankergrond kunnen vinden. Wij ankerden er en gingen toen dadelijk op
+de duivenjacht, daar de heer S. een hartstochtelijk jager was. Duiven
+zijn met wilde zwijnen en enkele eenden het eenige jaagbare wild op
+de Nieuwe Hebriden; maar als sport schijnt er mij een eigenaardige
+geestdrift voor noodig, om er plezier in te vinden. De duiven zijn
+uiterst schuw en houden zich veelal in de hoogste boomen op. Daar
+kan een Europeaan ze haast niet ontdekken, en als men ze met hulp
+van een inlander heeft gezien, vliegen ze meestal weg. Gelukt het,
+ze van den boom naar beneden te schieten, dan is de buit gewoonlijk
+onvindbaar. De inboorlingen kunnen zonder geluid nadersluipen en de
+buks dichtbij den vogel losbranden. Voor mij bestond de duivenjacht
+uit een vervelend wachten in het struikgewas, en het resultaat van
+verscheiden uren was één of geen duif. De vette dieren leveren anders
+een smakelijk hapje, dat, als het goed is toebereid, een aangename
+afwisseling is van busjesvleesch.
+
+Dezen keer had niemand van het gezelschap geluk op de jacht. De avond
+werd nog besloten met een danspartij in de bescheiden woning van de
+beide dames. Op de zoete klanken van een grammofoon draaide men in
+het rond, en zelfs de niet meer slanke moeder kon de verzoeking niet
+weerstaan en huppelde met den niet mageren resident zoo ijverig mee,
+dat men voor beiden bezorgd moest wezen. Wij sliepen aan boord bij
+het zachte schommelen van het schip. Soms plaste een groote visch
+in het water, maar verder was het stil en drukkend warm als in een
+bangen droom.
+
+We stonden al vroeg op, om weer op de jacht te gaan, maar het
+resultaat was al niet beter dan den vorigen dag. Gelukkig zeilden
+we toen spoedig weg in helder weêr en een frisschen wind. Langs de
+kleinere eilanden Nguna en Mataso kwam ons doel Maei naderbij en in
+den laten namiddag wierpen we er het anker uit. Maei is een eilandje,
+waar de inboorlingen, als op veel eilanden in de buurt, bijna geheel
+verdwenen zijn. Er was daar een kleine plantage, met welker agent de
+heer Colonna een onderhoud moest hebben. Toen we ons door de lastige
+nauwe invaart hadden heengewerkt, om door het koraalrif den oever te
+bereiken, vonden we den blanke in een half waanzinnigen toestand. Hij
+beweerde, dat hij koorts had; maar de alcohol had ook een groot deel
+aan zijn zonderling gedrag. De man trok de gekste gezichten, kon
+slechts met moeite praten en was niet in staat, om te schrijven. Hij
+zei, dat de koorts hem de macht over zijn vingers had doen verliezen.
+
+De arme man werd uitgenoodigd, aan boord te komen soupeeren;
+maar hij kende geen Fransch; de fransche beambten verstonden geen
+Engelsen, en dus moest ik als tolk optreden. Dat was bij den planter,
+die in het Engelsch ook niet scheen te kunnen spreken en zich in
+mysterieuse klanken uitte, een moeilijk ding, te meer daar de man
+trots de afgepaste portie wijn, die wij hem schonken, al meer onder
+den invloed van den drank raakte en zich op het laatst beleedigend
+over den resident uitliet, wat ik in het Fransch moest overbrengen,
+om hem het antwoord dan weer in het Engelsch te presenteeren. Het
+was lastig en komisch, en we brachten al spoedig den planter aan land
+onder de hoede van zijn inlandsche vrouw en drie politiedienaren.
+
+We rookten nog een pijpje, keken naar de uitgezette hengels, die
+natuurlijk leêg waren en gingen slapen op dek. Den volgenden morgen
+kwam de planter weer, nu wat handelbaarder. Hij bracht de inlandsche
+en haar kind mee, dat hij wou laten erkennen. Daar de inlandsche
+vrouwen vaak weer wegloopen en in het algemeen aan de belofte van
+huwelijkstrouw moeilijk kunnen vasthouden, worden zulke kleurlingen
+in het register opgenomen als kind van die en die, moeder onbekend,
+wat den oningewijde wel vreemd moet lijken. Na voltrekking van die
+formaliteit lichtten we het anker en stuurden naar Tangoa, een eiland,
+dat voor het grootere Epi lag. We kwamen daar nog in den voormiddag
+aan en begaven ons dadelijk op weg naar het binnenland. Daarheen voert
+een goed onderhouden rijweg, de eenige in den archipel buiten Vila.
+
+Er was juist een heftige strijd over het recht op dien weg. De
+protestantsche zendeling, de heer M., had dien weg door de inlanders
+laten aanleggen en verlangde van een planter, den heer E., die in het
+binnenland woonde, tolgeld voor elken zak copra, dien deze naar de
+kust voerde. De planter was bereid, zijn aandeel aan het onderhoud
+van den weg te betalen, maar weigerde, de hooge tol te betalen. De
+inboorlingen, waarschijnlijk opgezet door den zendeling, versperden
+hem daarom den weg en dreigden, zijn huis in brand te zullen steken,
+als hij niet toegaf. Wij kwamen juist op tijd, om den twist voorloopig
+bij te leggen. Daarna keerden we naar de kust terug, aten in de
+schaduw van een tent en flaneerden het overige van den dag.
+
+Tangoa is een van de weinige eilanden, waar de inboorlingen niet in
+aantal achteruitgaan. Daar ze allen bekeerd zijn, schrijft de zendeling
+zich de eer toe, dit verheugende feit te hebben teweeggebracht. Al
+moet men zijn werk waardeeren, toch schijnen andere oorzaken te hebben
+meegewerkt. Het is namelijk opmerkelijk, dat op andere, juist zoo
+gelegen kleine eilanden, de bevolking zich ook weet te handhaven,
+zooals op Paauma, Vao, Mele, zonder dat de zending tot voor korten
+tijd er voet heeft gevat.
+
+Na een prachtigen, helderen nacht voeren we vroeg naar Epi, het
+grootere eiland ten noorden van Maei. De lucht was betrokken geworden,
+en een grauwe nevel hing over het land. Waar de bekoring van het
+landschap zoo geheel op kleuren berust, heeft een verandering in
+het weêr, in atmosfeer en verlichting, ten gevolge, dat hetzelfde
+eiland er den eenen dag idyllisch kan uitzien en den anderen dag
+alle aantrekkelijkheid kan hebben verloren. Onze tocht werd dan
+dadelijk tot een plichtreis, waar hij eerst een prettig uitstapje
+was geweest. Daarbij was de stemming gedrukt door ongesteldheid van
+den heer Colonna, die koorts had en last van zijn lever en zich met
+allerlei medicamenten er bovenop hield.
+
+Op Epi wordt hoofdzakelijk koffie verbouwd door een aantal fransche
+planters; we hielden er ons niet op en voeren verder naar Port Sandwich
+op Malekula. We hadden in den nacht doorgevaren voorbij Ambrym. De
+roode gloed van den daar aanwezigen vulkaan bescheen de rookzuil,
+die overdag alleen een zware damp scheen. Port Sandwich is na Vila de
+drukst bezochte haven van den archipel en heeft, omdat het zulk een
+centrale ligging bezit, menig schip in een cycloon een schuilplaats
+verschaft. De ingang is smal; de baai wordt verder binnenwaarts breed
+en dringt ver naar het Zuidwesten binnen. Op de ankerplaats is men
+geheel door land omringd en meent, in een binnenmeer te wezen, want
+overal ziet men de oevers begroeid met dichte bosschen, waarvan de
+begroeide bodem tot het water reikt.
+
+De leuze was ook hier terstond bij aankomst de duivenjacht. Ik gaf er
+echter al gauw de voorkeur aan, met den zoon van den aanwezigen planter
+de in de nabijheid gelegen inboorlingendorpen te bezoeken. Hier zag
+ik voor de eerste maal de echte, werkelijke wilden. Niemand, die iets
+voelt voor dergelijke dingen, zal de plechtigheid ontkennen van het
+oogenblik, als hij voor het eerst den onvervalschten natuurmensch voor
+zich ziet. Gebeurt dat in het oerwoud, dat zelf al een natuuropenbaring
+is, dan kan het zijn, dat de donkere, naakte inboorling plotseling
+opduikt, nadat hij onhoorbaar door het struikgewas is gedrongen. De
+takken uit elkaar wringend, staat hij op het smalle pad vóór ons, wij
+verbaasd, hij schuw. Slechts weinig steekt hij af tegen het groen van
+de omgeving; hij is verwant aan de omringende natuur, maakt er deel
+van uit en lijkt ons een vreemd wezen, tot een woord den ban breekt,
+iets van herkennen over zijn trekken glijdt en wij den mensch in hem
+beginnen te zien.
+
+Zoo herbergt het eindelooze, ongastvrije woud, zonder wegen of open
+plekken, zonder zon en licht, de dichte wirwar van lianen en stammen,
+menschen van ons eigen maaksel! Het lijkt ons als een wonder, dat in
+die diepten, die als een groene, onpeilbare zee zijn, menschen kunnen
+leven, en men kan het van vroegere geslachten begrijpen, dat ze de
+verwantschap met de boschbewoners loochenden, want nooit doet zich de
+inboorling primitiever voor, dan als hij door het woud trekt. Naakt
+met enkel den gordel van boomschors en den schaamdoek, met woest,
+krullend haar en veêren als tooi, enkel voorzien van pijl en boog,
+doet hij zich weinig vriendelijk voor, en plotseling heeft het woud
+hem weer opgeslokt; de groene wand is weer gesloten, en ons oog en
+oor kunnen hem niet vinden.
+
+Anders is het, als we zijn woning betreden of de dansplaats met
+de groote trommels, de geheimzinnige steenen tafels, de beelden en
+palen. Uit een hut kruipt langzaam een man, en uit het bosch naderen
+ze uit woningen, die wij eerst niet eens hadden bemerkt. Daar staan
+vrouwen en kinderen in vreesachtige verbazing, tot er een levendig
+gesprek begint of een zacht gefluister over den vreemdeling. We zijn
+midden in het leven, in een drukke menschenkolonie, waar het in veel
+opzichten toegaat als bij ons. Dan heeft het oerwoud zijn sluier
+opgeheven; we hebben het heiligdom betreden, en de ongastvrijheid
+van een vijandige natuur is verdwenen.
+
+Zou misschien de vaak genoemde eenzaamheid van het individu in de
+groote steden niet een symptoom van grooter wreedheid en hardheid zijn
+dan de afgeslotenheid van den natuurmensch, die met de zijnen in zijn
+eigen kringetje leeft, waar hij gebieder is? Wij verheffen ons dikwijls
+op onze heerschappij over de natuur; maar is die niet een vlucht eruit,
+omdat haar krachtigste uitingen ons schrik aanjagen? Wij kwamen niet
+in nadere aanraking met de bewoners en voeren den volgenden dag langs
+Malekula's oostkust verder naar het Noorden.
+
+Voor de kust liggen hier reusachtige koraalriffen, zoodat de
+branding een paar mijlen ver in zee begint. Die riffen zijn een
+samenhangende massa van verbrokkeld koraalgesteente, dat al verder
+in zee vooruitgroeit. De oppervlakte is effen, ongeveer ter hoogte
+van den laagsten waterstand, zoodat ze bij eb haast droog ligt. Dan
+kan men droogvoets op het rif loopen; maar men moet de vaak breede
+riffen aan den buitenkant eerst passeeren. Die zouden de geheele kust
+spoedig insluiten, als niet overal waar zoet water de zee bereikt, een
+opening in den gordel was gelaten, terwijl ook hier en daar grootere
+einden van den oever vrij zijn gebleven. Het groeien van de koralen
+in de open zee heeft de ingangen van de baaien vernauwd, maar voor
+kleine vaartuigen zijn ze bruikbaar gebleven en vormen uitstekende
+ankerplaatsen, omdat daarbinnen de branding zich niet doet bemerken.
+
+De invaart in die strandbekkens is vaak zeer lastig. Toch bracht onze
+kapitein het er goed af en voerde ons schip in een ruime lagune achter
+het Eliza-Maryrif, zoo genoemd naar een groote schoener, die er voor
+jaren strandde. Nog lagen er groote balken en stukken ijzer op het rif,
+half overgroeid door koraal, en daarnaast hoopen ballast en steenen,
+waar latere geologen nog wel voor kunnen staan als voor een raadsel.
+
+Men had mij de jacht op het droge rif als bijzonder prettig
+afgeschilderd, en we maakten ons daarom den volgenden dag klaar, om
+bij eb op de wijde vlakte avonturen te beleven. Op het rif had zich al
+eenige plantengroei afgezet, voornamelijk mangroven, die zich op hun
+luchtwortels boven den hoogwaterstand trachtten te houden. Ofschoon
+er voor mij niets te jagen viel, was het waden door het stijgende,
+lauwe water een genoegen, omdat ik er kennis kon maken met een wereld
+van onbekende dieren. Er waren holothuriën, die geel of purperkleurig
+als worstjes in de poelen lagen en door de Chineezen worden gegeten,
+waarom ze een kostbaar uitvoerartikel zijn. Groot was het aantal
+kleurige vischjes, die in de plassen verschrikt heen en weer schoten,
+evenals dat van de wormen, de zeesterren en polypen. Toen het water
+hooger steeg, gingen we aan boord en zeilden verder naar Vao en van
+daar verder noordwaarts, voeren door de Bougainvillestraat met haar
+lastige stroomingen en wierpen des middags het anker uit in de haven
+Canal du Segond in het Zuidwesten van het grootste eiland der groep,
+Espiritu Santo of alleen Santo.
+
+
+
+Het eigenlijke Canal du Segond is een lange, smalle inham, gevormd
+door de kust van Espiritu Santo en door die van de kleinere eilanden
+Aore en Malo. De lengte is ongeveer acht mijlen en de breedte op de
+smalste plaats slechts drie vierde mijl. Aan de oevers, die aan de
+Société Francaise des Nouvelles Hébrides behooren, woont een ongeveer
+honderdvijftig zielen tellende kolonie van fransche planters. Men heeft
+er een goede haven, maar die, helaas, niet zeer centraal is gelegen,
+en ook gaat er een sterke strooming in het kanaal. De oevers zijn
+vlak en laten de monding vrij van de Sarakatta, een groote rivier,
+die in het binnenland van het eiland ontspringt.
+
+Die rivier is een bezienswaardigheid, en een vaart van de monding
+stroomop maakt een diepen indruk. De plantengroei om het Canal du
+Segond is de allerweelderigste van de eilanden, en de rivier snijdt
+direct in het oerwoud, zoodat men tusschen twee hooge woudmuren
+vaart. Geluidloos glijdt het water voort; geluidloos is het woud,
+en slechts zachtjes plast de boot of slaat een visschestaart het
+water. Altijd nieuw en verrassend is de afwisselende plantengroei en
+zijn de kijkjes bij de verschillende bochten van den stroom. Als in
+een droom glijdt men dan weer den stroom af en behoudt een liefelijke
+herinnering te meer.
+
+De resident stelde mij voor aan het planterspaar, den heer en mevrouw
+Ch., en verzocht voor mij huisvesting. Zijn wensch was voor hen zoo
+goed als een bevel. Ze hadden een jaar geleden een weelderig leven in
+Parijs verwisseld voor het plantersbestaan op de Nieuwe Hebriden en
+hadden, daar ze een oude plantage van de Societé des Nouvelles Hébrides
+hadden gehuurd, dadelijk een huis gereed gevonden, anders dan de
+overige kolonisten, die de eerste grashut voor zichzelf moeten bouwen
+en vaak eerst na jaren zich een behoorlijk huis kunnen veroorloven.
+
+Toen ik mijn kwartier had betrokken, voer de resident in de "Gallia"
+weg, en ik bleef achter aan den rand van de wildernis.
+
+Wat er nu volgde, was een wachtperiode van twee maanden, de eerste
+van vele volgende. Daar ik geen dienstpersoneel had, kon ik niets
+degelijks beginnen, en van de inboorlingen kreeg ik heel weinig te
+zien. Maar wel kreeg ik een goeden kijk op het leven van een, zij
+het dan ook slecht geleide, plantage.
+
+De heer Ch. had bij de plantage ongeveer dertig inboorlingen
+overgenomen en trachtte de verwaarloosde aanplantingen weer
+bruikbaar te maken. Veel hectaren stonden vol koffieboomen, maar
+bij de voortdurende wisseling van beambten van de maatschappij
+was het plantsysteem zoo vaak veranderd, dat er niet veel van den
+oogst terecht kwam. Ieder nieuw aangestelde had het werk van zijn
+voorganger laten liggen en had nieuwe aanplantingen aangelegd. In
+een oogenblik zijn zulke oude aanplantingen overgroeid, zoodat hier
+de koffieboompjes bij duizenden tusschen het onkruid en het hooge
+geboomte stonden te worstelen om licht en lucht en geen vrucht meer
+droegen. Men kan het haast niet gelooven, dat in veertien dagen op
+een glad gemaaiden grond weer meterhoog gras kan staan, of dat in
+zes maanden een gewiede aanplanting weer dicht bosch met stammen van
+een vinger dikte draagt. Alleen de planter weet, dat de overgroote
+weelderigheid zijn grootste vijandin is, en dat hij meer arbeid moet
+besteden aan het schoonhouden van de plantage dan aan het eerste
+uitroeien van het oerwoud en het zetten van de jonge planten.
+
+Er was dus voor dezen planter veel te doen, wilde hij de koffieboomen
+weer doen dragen, en om toch dadelijk wat te verdienen in den tijd,
+voordat de koffie een opbrengst leverde, wat eerst na twee of drie
+jaren te verwachten was, deed hij als alle planters en zaaide maïs,
+die in drie maanden al vruchten levert. Zijn arbeiders, kroesharige,
+donkere, in lompen gekleede kerels, waren dan ook bezig, de een
+voet lange maïskolven te plukken. Met onverschillige hand wierpen
+ze de goudgele vruchten over hun rug op den grond; daar werden ze
+door eenige vrouwen opgezocht, in zakken gedaan en naar de loods
+aan den oever gedragen. De heer Ch. wekte de menschen op, voort te
+maken, daar de maïs voor de verzending gereed moest wezen, tegen dat
+de binnen enkele dagen te verwachten "Pacific" zou aankomen. Bij de
+groote vochtigheid van het klimaat kan men de waren niet lang laten
+liggen, zonder dat ze verrotten, vooral niet in eenvoudige loodsen
+of open ruimten onder daken van palmbladeren.
+
+De "Pacific", waarop gewacht werd, was een engelsche stoomboot, de vlag
+voerend van het groote australische handelshuis Burns, Philp en Co uit
+Sydney, dat ook met andere eilandengroepen relaties onderhoudt. Die
+stoombooten doen eerst de Lord Howe- en de Norfolkeilanden aan, dan
+Port Vila, de ingangshaven van de Nieuwe Hebriden, om van daar in een
+rondvaart van vier weken alle grootere plantages van de groep en bijna
+alle eilanden aan te doen. Door een aanzienlijke rijkssubsidie is de
+maatschappij verplicht tot den postdienst, maar drijft buitendien
+een levendigen handel met de planters en kooplieden. Aan boord van
+de schepen is een ambtenaar van de maatschappij, de zoogenaamde
+supercargo, die de producten van de kolonisten koopt en hun
+daarvoor waren levert, ruil- en handelswaren voor het verkeer met de
+inboorlingen, alsook alles, wat ze zelf noodig hebben. Ook brengt
+hij alle bestellingen over van de blanken naar het handelshuis te
+Sydney, bestellingen van allerlei aard, van naainaalden tot paarden
+en motorbooten toe.
+
+Een groote voorraad goederen wordt altijd aan boord meegenomen, vooral
+dingen van dagelijksch gebruik, zoodat men daar een soort van warenhuis
+heeft en alles kan uitzoeken, wat men aan levensmiddelen en kleeding
+behoeft. Daarbij wordt gaarne crediet verleend aan beginnende planters,
+dat zijn menschen, wier plantages nog niets opbrengen, waarvoor dan
+de planters de verplichting op zich nemen, al hun producten later
+aan Burns en Philp af te geven, en wat ze noodig hebben, ook van
+die firma te betrekken. Zoo komt het, dat veel planters in schulden
+steken bij Burns, Philp en Co, en deze, omdat er geen concurrentie
+is, de prijzen voor copra en andere producten kunnen vaststellen. De
+firma is dus een belangrijke machtsfactor op de eilanden.
+
+Anders is het gesteld met de fransche stoomvaartlijn der Messageries
+Maritimes. Door een groot subsidie van de regeering ondersteund, is
+die lijn alleen postdienst en geeft zich niet af met handel. Het mooie
+schip vaart in drie weken van Sydney naar Nouméa en Port Vila, bezoekt
+drie planterscentra van de groep, om de eilanden al na drie weken te
+verlaten en langs dezelfde route naar Sydney terug te keeren. Die
+lijn vormt daardoor de snelste en ook de geriefelijkste verbinding
+met Australië in acht dagen, terwijl de engelsche stoombooten voor
+de reis elf dagen noodig hebben.
+
+Buitendien circuleeren nog verscheiden kleine stoombooten
+en zeilschepen door de groep en trachten door hun komst in de
+tusschenpoozen tusschen de australische booten wat te verdienen en
+den kolonisten van dienst te zijn.
+
+Bij het wachten op de boot wordt de oogst, om bederf te voorkomen,
+vaak tot het laatst uitgesteld, en als het dan regent, moet er weer
+uitstel volgen, zoodat er op het laatst een zenuwachtig haasten
+heerscht op de plantages, want als de producten niet klaar zijn,
+om te worden ingeladen, blijft alles liggen, en de heele oogst is
+verloren. Zoo moest de heer Ch. de helft van het veld, circa honderd
+zakken, ongeplukt laten, daar hij ze niet meer verwerken kon. De
+vochtigheid is juist aan het Canal du Segond verbazend groot; er
+verloopt haast geen dag zonder regen.
+
+Wij stonden op het kleine koraalstrand, dat de oevers van het kanaal
+omzoomt. Onze kleêren waren doorweekt van den regen, dien we hadden
+meegenomen van het gras en de struiken van de plantage. Het water
+leek slaperig en dik; alles rook modderig, en bruine regenwolken
+kwamen aandrijven uit het midden van het eiland over de bergen
+en het oerwoud. Door de zware lucht druilde een fijne motregen,
+die alles doordrong. De messen in onze zakken gingen roesten, en
+de lucifers wilden niet branden. Het was trouwens al maanden zoo,
+en men behoeft zich niet te verwonderen, dat in die omstandigheden
+de malaria haar slachtoffers maakte. De heer Ch. zag er na een jaar
+al uit als een verlorene, broodmager, geel en uiterst zenuwachtig,
+en met zijn vrouw was het al niet beter gesteld. Zij was een dame
+uit de beste kringen, een Fransche, die haar man was gevolgd en met
+hem voor zijn fouten boette. Ze hield zich dapper, kookte en waschte
+en vervulde de plichten van een plantersvrouw, terwijl ze vroeger
+zich in het geheel niet met de huishouding bemoeide. Tot steun had
+ze enkel een inboorlingenvrouw, die weinig uitrichtte.
+
+We keerden terug naar het eenvoudige houten huis, dat ongeveer
+tweehonderd meter van den oever verwijderd stond. De zwarte dekte juist
+de tafel voor den avondmaaltijd, wat haar blijkbaar veel moeite kostte
+en hoofdbreken, maar welke bezigheid ze verrichtte met kinderlijke
+zorgvuldigheid en onder het uitstooten van moeilijk verstaanbare
+inlandsche klanken en veel zuchten. Het was een gedrongen vrouwtje uit
+het Noorden van Malekula, waar het ras leelijk is. Een laag voorhoofd,
+kleine, diepliggende oogen en een mond als een snuit gaven haar een
+dierlijk voorkomen. Daarbij was haar kleine hoofd kaalgeschoren, en
+in haar mond ontbraken de middelste bovensnijtanden als bewijs, dat
+ze eenmaal getrouwd was geweest. Wij mannen maakten ons vaak vroolijk
+over het arme schepsel, maar voor de huisvrouw werd haar goedwilligheid
+slechts een kale troost voor haar gebrek aan geoefendheid.
+
+Men kan trouwens niet ontkennen, dat de vrouwen van deze eilanden,
+waar ze maatschappelijk laag staan, niet zoo leerzaam en intelligent
+zijn als de mannen, omdat ze van der jeugd onderdrukt worden en tot
+machinalen arbeid opgeleid. Maar in dien lichamelijken arbeid zijn ze
+krachtig en flink en vlijtiger dan de mannen. Na het eenvoudige maal
+van vleesch uit een bus, yams en bananen kwam de voorwerker, iemand,
+die voor eenige jaren nog een echte wilde was uit het zeer gevaarlijke
+en ook nu nog niet ontsloten noordelijk district van Malekula. Ook
+zijn hoofd was kaalgeschoren met uitzondering van een plek boven het
+voorhoofd, waar de mode een pruikje haren wil zien. Hij was welgebouwd
+en zag er goed gevoed uit, terwijl hij zich met natuurlijke beleefdheid
+bewoog. Hij had iets vriendelijks in den blik en hij sprak met zachte
+stem. Zijn lijf leek in het lampenschijnsel een bronzen standbeeld.
+
+De heer Ch. zei hem, dat de menschen dien avond verder moesten werken;
+maar vooraf wou hij hun een glas wijn geven ter opwekking. Aan alcohol
+zijn de inboorlingen verslaafd, en gewetenlooze kooplieden maken daar
+misbruik van. Wel is het afgeven van alcohol aan inlanders verboden
+bij de wet van het condominium; maar van franschen kant wordt daar
+niet de hand aan gehouden. Vandaar dat er niet weinig planters zijn,
+die groote sommen door den alcohol verdienen en met hun handel den
+ondergang van de inboorlingen bewerken. Anderen gaan daarbij indirect
+te werk, door namelijk elken Zaterdag aan de zwarten wijn en jenever
+te geven, waardoor dezen bij hen in schuld raken en vaak hun heele
+weekloon verdrinken. Willen ze dan na afloop van hun contract naar
+huis terug, dan wordt hun duidelijk gemaakt, dat zij bij hun meester
+nog diep in de schuld staan en minstens nog een half jaar moeten
+dienen, om hun schulden af te doen. De arme kerels drinken natuurlijk
+verder en komen nooit uit de schuld en nooit naar huis. Deze praktijk
+dateert nog maar van de laatste jaren en is een gevolg van het gebrek
+aan werkkrachten, maar tevens is ze een manier van slavernij. Zoo'n
+arbeider is namelijk zoo goed als rechtloos, omdat de blanken niet
+tegen elkander zullen getuigen, en als er al eens een ambtenaar kwam
+ter contrôleering, wat bij de Franschen haast nooit gebeurt, dan
+kan de een of andere schriftuur gemakkelijk worden voorzien van een
+kruisje, dat, onzinnig genoeg, als onderteekening van den inboorling
+wordt erkend, en als document tegen den zwarte worden gebruikt.
+
+Mijn gastheer behoorde niet tot die klasse van planters; zijn
+europeesch geweten was nog wakker. Maar het moet gezegd, dat hij,
+helaas, zich ook hierin heeft geacclimatiseerd en later wel dingen
+heeft gedaan, die hij als socialist eigenlijk niet zou kunnen
+verantwoorden. Het afgeven van alcohol als medicijn aan zwarten,
+dat geoorloofd is, maakt het misbruik maar al te gemakkelijk.
+
+De arbeiders waren dan ook dadelijk bij de hand, en ieder wachtte
+begeerig, tot zijn beurt kwam; eenigen dronken haastig, anderen
+met kleine slokjes als kenners; maar allen droegen zorg, zich ter
+zijde te wenden bij het drinken, net of ze een soort van schaamte
+gevoelden. Daarna gingen ze lachend aan het werk, en de zieken
+verschenen ten tooneele. Het waren meest tuberculeusen, verkouden
+menschen, menschen met verteringsbezwaren, koorts en infecties, en men
+kan nagaan, dat de behandeling al heel primitief en ondoelmatig is. Er
+wordt wat gewerkt met likkepotjes, patentmedicijnen en universeele
+geneesmiddelen, en de blanken wagen zich er maar aan, want de goede
+natuur geneest gelukkig veel, ofschoon de mensch haar wel eens in de
+wielen rijdt.
+
+De heer Ch. heeft koorts, maar wij gaan toch naar de werkloods. Het was
+pikdonker, en de lucht drukkend als in een warme broeikas. De branding
+kon men hooren bruisen, en de regenwind zwiepte het oerwoud. Nu en
+dan kraakte er een zware tak. Al uit de verte klonk het geluid van
+de machine, die de maïskorrels uit de kolven haalt. Twee aan twee
+draaien de arbeiders aan de drijfraderen, die hun amusement schijnen te
+verschaffen, want hoe sneller en luider het gaat, des te onderhoudender
+schijnen ze het te vinden. De paren zijn met zorg uitgekozen, en het
+is een eer, zoo lang mogelijk en zoo krachtig mogelijk te draaien,
+waarbij ze elkander met geschreeuw aanvuren. Het leek, alsof ze op
+een dansfeest waren, waar ze ook den heelen nacht kunnen springen en
+huppelen onder gelach en geschreeuw. Zoo kon men alleen den werklust
+begrijpen, die allen had aangegrepen, en hun verlangen, om maar weer
+aan de zware raderen te mogen draaien.
+
+Wij gingen bij den trechter staan en gooiden de groote kolven
+tusschen de raderen. Er waren reuzenexemplaren bij, waarvan het haast
+jammer was, ze te vermorselen. Maar onverbiddelijk gingen ze in de
+machine, werden door de tanden gegrepen en onder knarsende ratels,
+verwreven. Een heldergele stroom van maïskorrels en een armzalig dun
+kolfje rolden uit de machine. Dat laatste wordt door de arbeiders op
+zij geworpen, en er hoopt zich bij de machine een berg van maïskorrels
+op. Met emmers worden de korrels naar de zuiveringsmachine gevoerd,
+waar een systeem van zeven alle onreinheden verwijdert, waarna men
+de maïs in zakken pakt, ze dichtnaait en merkt.
+
+Tegen middernacht stond een statige rij prachtig volle zakken in de
+loods, en de heer Ch. gaf het sein tot ophouden, waarna de arbeiders
+gingen slapen. Maar de meesten, door den dansduivel bezeten, wilden
+niet van ophouden weten, en toen wij door een stofregen naar huis
+gingen, hoorden we de machine weer dreunen. De heer Ch. was op van
+de koorts, en vermoeid legden we ons te bed. Den volgenden morgen om
+zes uur begon het werk in de koffie, en in den nacht was weer de maïs
+aan de beurt. Dat duurt zoo drie dagen. Dan zijn de menschen doodmoe
+en als lamgeslagen.
+
+Op een morgen kwam een inboorling aan het huis en meldde, dat er "men
+bush" waren, menschen uit het binnenland. We gingen op de veranda en
+zagen magere gestalten met zware haarvlechten met lichten tred over
+het smalle pad naderen. Achter hen op eenigen afstand volgde een heele
+schaar, die bij het laatste heestergroepje op den grond gingen zitten
+en schuw en opmerkzaam rondkeken, terwijl de eersten wantrouwig het
+huis naderden. Bijna allen droegen geweren, oude Snidergeweren, die
+altijd geladen en gespannen zijn. De mannen bleven een poosje stom
+bij de veranda staan, tot eindelijk een van hen in gebroken "pidgin"
+Engelsch een woord mompelde. Hij duidde de waren aan, die hij en
+zijn vrienden wilden koopen, messen, bijlen, patronen, kruit, tabak,
+aarden pijpjes, lucifers, katoen en glazen kralen. "All right", zei
+de heer Ch., en eenige mannen haalden van de achtergeblevenen keurige,
+voor dit doel van palmbladeren gevlochten manden, vol copra.
+
+Ieder, vooral de vrouw, doet mee aan het dragen, en de last komt vaak
+van ver uit hun dorpen en moet over slechte wegen worden vervoerd soms
+dagen lang, om de gewenschte artikelen te erlangen. De manden werden
+gewogen en de ervoor afgegeven hoeveelheid waren voor iederen korf
+bepaald, waarbij de blanke hier een winst van honderd tot driehonderd
+procent opstrijkt. Op andere eilanden moet hij zich tegenwoordig met
+dertig procent tevreden stellen. Ieder stuk wordt door de zwarten
+onderzocht; elke pijp geprobeerd of ze wel wil trekken; de lucifers
+afgestreken, of ze willen branden, en de scherpte van de messen wordt
+beproefd, terwijl de schuwe menigte op den achtergrond met gespannen
+opmerkzaamheid toeziet.
+
+Toen de langwijlige ruil was afgeloopen, keerden de afgezanten terug;
+het gezelschap stond fluisterend op en was in een wipje verdwenen. In
+het dichtstbij zijnde bosch lieten ze zich neer, verdeelden de
+inkoopen, die bestonden uit misschien een dozijn pakjes lucifers,
+twee kilo tabak, twintig pijpen, een mes, een paar gordels en een
+pak katoen, geen schitterende vergoeding voor den bezwaarlijken
+tocht. Meestal overnachten ze dan nog in de buurt onder overhangende
+rotsen, zoo maar op de steenen, gelegerd om een groot vuur, kauwen
+wat scheepsbeschuit, die ze hebben gekocht en keeren des morgens
+terug. Vaak hebben ze een beetje geld, als ze een paar dagen bij
+een blanke hebben gewerkt. Ofschoon ieder planter een winkel heeft,
+koopen ze toch veel liever bij zijn buurman uit een vaag, maar niet
+volkomen ongemotiveerd wantrouwen.
+
+Voor een werktijd van langeren duur verhuren ze zich zelden en enkel,
+als ze een grooter voorwerp willen koopen, meestal een geweer,
+waar zonder de inboorling zich niet graag ergens vertoont. Dan
+werken gewoonlijk een aantal mannen samen voor een enkele, die hen
+later naar inlandschen trant voor de hulp schadeloos stelt, door hun
+varkens ten geschenke te geven of hun op andere wijze diensten te
+bewijzen. Op de plantages zijn ze vreesachtig, wantrouwend en vaak
+lui, maar ongevaarlijk, zoolang men ze niet hindert of prikkelt. De
+heer Ch. had lang achtereen al aan dertig van zulke daglooners
+werk gegeven, tot eens één van hen in de nabij zijnde rivier viel,
+hangen bleef tusschen geknikt bamboe en, daar hij niet kon zwemmen,
+verdronk. Volgens de inlandsche rechtsbegrippen was dat de schuld
+van den heer Ch., en hij had voor den doode boete moeten betalen,
+wat hij uit onbekendheid met de volkszeden niet deed.
+
+Eerst was er algemeene ontsteltenis onder de vrienden van den
+gestorvene; niemand wou meer naar de rivier gaan, en spoedig trokken
+de menschen af, verschenen na een paar dagen met geweren en zwierven
+om het huis, om bloedwraak te nemen. De heer Ch. werd door de
+andere arbeiders, die van Malekula herkomstig waren, gewaarschuwd,
+anders zou hij stellig verraderlijk vermoord zijn. Hij wapende
+zijn lieden en ging zelf nooit ongewapend uit het huis; maar toch
+duurde de onbehagelijke toestand eenige weken, eer de inboorlingen
+tot kalmte waren gekomen en verdwenen. Voortaan kwamen nu echter ook
+geen arbeiders meer.
+
+Men kon trouwens aan deze "men bush" geen vertrouwen schenken. Thans
+waren ze nog onder den indruk van een goed geslaagde strafexpeditie van
+een paar oorlogsschepen in het vorige jaar, toen eenige inboorlingen
+een ouden, goedmoedigen planter, die de inboorlingen van alle blanken
+wel het allerbeste had behandeld, plotseling doodgeschoten hadden
+en zijn beide dochters met bijlen hadden geslagen, om zijn, naar ze
+meenden, welvoorzien wapenmagazijn te rooven. Ze hadden echter niet
+veel gevonden en moesten hun daad met het verlies van hun dorp en
+hun have en goed boeten.
+
+Den derden avond was nu alles klaar voor de verzending. We zaten nog
+aan den avondmaaltijd in de gewone zware, vochtige lucht. Plotseling
+klinkt een lang gefluit: "De Pacific!" Alles springt op in blijde
+verrassing, want de stoomboot brengt een beetje beschaving, en haar
+aankomst is het besluit van een drukke week, de hoofdgebeurtenis aan
+het Canal du Segond, want men rekent hier niet naar maanden, maar per
+"Pacific".
+
+Alles snelt naar het strand en zet op bepaalde punten lantaarns
+neer, om het schip de ankerplaats te wijzen. Dan gaat men in huis
+terug, trekt een nieuw, wit pak aan en wekt de arbeiders uit den wel
+verdienden slaap. Ze komen langzaam en nog half in den dut en weten,
+dat hen een zware nacht wacht door het laden van de zakken in de
+boot. Intusschen komt het schip snel nader, kolossaal en feestelijk
+in de duisternis; dan zoekt het langzaam naar de plaats, waar het
+anker moet vallen, en na een oogenblik ligt de lange rij van helder
+verlichte vensters rustig op het water, en de spiegeling schommelt
+onregelmatig op de golven door het zwart van den nacht. Dan duiken
+ook al uit alle richtingen de bootslantaarns op van de aanvarende
+planters, die hun lading opgeven en de post afhalen, om aan boord
+een genoegelijken avond door te brengen.
+
+Er waren dezen keer nog een paar reizigers aan boord, planters van
+andere eilanden, die naar Vila, Nouméa of zelfs naar Sydney wilden,
+en spoedig was men aan het drinken en spelen, waaraan eerst een eind
+kwam, toen de rooksalon gesloten werd. Den heelen volgenden dag bleef
+de "Pacific" in het Kanaal, nam van alle planters goederen in, en
+nog twee dagen duurde de feeststemming. Toen herstelde zich de rust
+met het eentonige leven van iederen dag.
+
+Eenige dagen later beproefde ik aan den zuidwesthoek van Santo, waar
+de inboorlingen uit het bosch zich vaak moesten vertoonen, dienst
+personeel te huren. Een buurman van Ch. wou in zijn kleine kotter
+erheen varen, om verfhout van de inboorlingen te koopen, hout, dat
+ze gebruiken voor het verven van hun grasmatten. Hij dacht, dat dan
+weer op Malekula aan inboorlingen te verhandelen. Ik verzocht hem, mij
+mee te nemen, wat hij gaarne deed. Wij voeren dus op een regenmorgen
+door het Kanaal, maar moesten spoedig ankeren, omdat er geen wind was
+en de tegenstrooming ons dreigde, terug te voeren. We gebruikten den
+wachttijd voor een bezoek aan den heer R., die behalve anarchistische
+beginselen ook een kokos- en cacaoplantage kweekt, zoo flink in orde,
+dat ze in scherpe tegenstelling was met zijn antikapitalistische
+stellingen. Hij was een van die niet zeldzame fransche kolonisten, die,
+afkomstig uit zeer bescheiden boerenkringen, van de koloniën niets
+anders verwachten, dan zich een betere maatschappelijke positie te
+scheppen. Spaarzaam, vlijtig, aan harden veldarbeid gewend, had hij
+zich van een heel klein begin af langzaam omhoog gewerkt en was nu
+nog op jeugdigen leeftijd eigenaar geworden van een groote plantage,
+die hem tot een welgesteld man maakte en hem rijk zou kunnen doen
+worden. Dat goede boerenslag, waar Frankrijk zoo rijk aan is, levert
+de beste kolonisten, terwijl die menschen, die in korten tijd geld
+willen vergaren, zooals mijn gastheer, niet buiten schulden bij de
+handelshuizen in Nouméa kunnen blijven.
+
+Die huizen leenen geld tegen zeer hooge rente en verlangen bovendien,
+dat alle waren van hen betrokken worden en alle voortbrengselen aan
+hen moeten worden verkocht. De prijzen van hun goederen bepalen ze
+zelf, zoodat de renten van het geleende kapitaal wel oploopen tot
+dertig procent en meer.
+
+Naast die beide categorieën van planters van fransche afkomst is er
+dan nog een derde, die ook met de Nouméa-groep in betrekking staat,
+maar met het eiland Nou. Men zal die later ook leeren kennen.
+
+Nadat wij de plantage van den heer R. in voldoende mate hadden
+bewonderd, waarbij hij zich iemand toonde, die elke plant kende
+met naam en toenaam en overal een dor blad had af te plukken of
+een takje af te snijden, voeren we verder en kwamen in den vroegen
+morgen bij Tangoa aan. Op dat eilandje is de centrale school van
+de presbyteriaansche zending, waarheen uit den geheelen archipel
+de begaafdste inboorlingen worden gezonden, om te worden opgeleid
+tot onderwijzer. Het uiterlijk van die school maakte een aardigen
+indruk. De eene helft van het eiland had men ontboscht en tot groene
+weiden gemaakt, waar groote boomen wat schaduw op wierpen. Op een
+gedeelte ervan weidde het vee, een ander was tot park geworden, en
+daarin lagen de woonhuizen van den directeur en de onderwijzers. Men
+zou kunnen gelooven, een engelsch landgoed te zien. Ik gaf mijn
+brieven aan den directeur af, en hij vroeg mij, of ik van plan was,
+de "missing link" te vinden, wat hij heel grappig scheen te vinden. Ik
+nam al spoedig afscheid.
+
+Wij brachten aan boord een paar dagen door; maar de inboorlingen kwamen
+trots talrijke dynamietontploffingen, waardoor men aangeeft, dat men
+met hen handel wil drijven, niet van de bergen naar beneden. We zagen
+hun vuren ver in het binnenland bij de Piek van Santo. Wij flaneerden
+langs den oever en vischten.
+
+Ik zag toen een methode van visschen, die elders ook wel wordt
+toegepast,namelijk door vergiftiging van het water. Een der leerlingen
+van Tangoa gebruikte de tijd van eb, om op de steenen in de poelen van
+het rif een zekere vrucht kapot te wrijven. Het sap van die vrucht
+verdooft na eenigen tijd de visschen, die dan onbewegelijk aan de
+oppervlakte komen drijven of krampachtig in een kring rondzwemmen en
+gemakkelijk met de hand kunnen worden gevangen.
+
+Nadat verscheiden dagen in ledigheid waren doorgebracht, geen prettigen
+lediggang, want het regende onophoudelijk, en aan boord van de kotter
+was weinig gerief, wou ik naar het Canal du Segond terugkeeren, want
+ik verwachtte met de engelsche stoomboot mijn bagage, daar ik niet
+alles aan boord van de "Gallia" had kunnen meenemen, en ik wilde mij
+meteen een en ander aanschaffen voor het geval, dat het mij gelukte,
+personeel te krijgen.
+
+Ik moest te voet gaan, want de kotter was nog niet klaar met de zaken,
+maar ik kon voor den kleinen afstand geen gids huren. De afstand was
+ongeveer vijftien kilometer, en ik besloot, alleen te gaan, hoewel
+men het mij afried. Ik geloofde echter, met het kompas den weg te
+kunnen vinden en in staat te wezen, met behulp van enkele paden er
+mij door te slaan.
+
+Daarom marcheerde ik dienzelfden morgen met wat proviand en een
+stomp kapmes weg, eerst op een goed pad, dat zich echter spoedig in
+het woud verloor. Ik volgde met het kompas de richting, maar kwam
+aan een lagune, die mij tot een grooten omweg noodzaakte. Toen
+volgde ik een pad, dat plotseling ophield. Ik stond voor bijna
+ondoordringbaar lianen-struikgewas, waar ik met mijn stomp mes haast
+niet doorheen kon. Vaak klauterde ik over stammen of moest op handen
+en voeten kruipen, en dan kwamen weer meer open plekken, moerassen,
+rotspartijen, kortom, ik maakte in korten tijd grondig kennis met
+het beruchte woud op Santo. Maar ik had toch het gevoel, verder te
+komen en was wel eens bang, dat ik mijn doel al voorbij was gegaan.
+
+Tegen vier uur kwam ik aan een rivier, waarin ik waadde naar den
+overkant; maar mijn teleurstelling was groot, toen ik zag, dat ik mij
+niet meer dan vijftienhonderd meter van de op den morgen geziene lagune
+had verwijderd. Dat was een schrale belooning voor de inspanning van
+acht uren. Ik wou toch niet omkeeren en vervolgde mijn weg langs het
+strand. Het was niet bepaald prettig loopen, daar op het strand van
+die kantige stukken koraal lagen, en de uitgeslepen koraalbodem er
+messcherpe punten en kanten had. Daarbij kwam ik telkens aan spleten,
+waarin de branding bruiste, en waarover ik moest springen. Er brak een
+koraalplaat onder mij, en ik kwam in een spleet en schaafde mij het
+scheenbeen en de handen op onverkwikkelijke manier. Maar hier kwam
+ik tenminste vooruit, beter dan in het oerwoud. Soms werd de oever
+hoog, en er volgde een klimpartij. Tot overmaat van ramp overviel
+mij de nacht, en in donker kon ik geen pas doen, zonder de kans te
+loopen in een spleet te storten. Ik moest maar gaan zitten op den
+koraalbodem, waar die het minst scherp leek, en wachten. Een poging,
+om een vertroostend vuurtje aan te leggen, mislukte volkomen; de
+nacht was pikdonker en er viel een fijne regen.
+
+Zelden heeft mij een nacht langer geschenen, en zelden voelde ik mij
+zoo verlaten. Maar de schemering bracht nieuw leven; ik klauterde
+verder, zwom door verscheiden lagunen, waarin, naar men mij later
+vertelde, het van haaien krioelde, en ten slotte hielden de koralen
+op. Nadat ik nog twee uren lang tot het middel door het zeewater
+langs de kust had gewaad, zonk ik uitgeput bij de plantage van den
+heer R. aan den oever neer. De eigenaar was afwezig, en de boys
+verwezen mij naar zijn buurman, waar ik juist tijdig aankwam voor
+het middagmaal. Dat smaakte uitstekend na de vermoeienis, al bestond
+het slechts uit vliegenden hond. Een kotter nam mij op en bracht mij
+"naar huis", naar den heer Ch. Ik had de onherbergzaamheid van het
+oerwoud van nabij ervaren en heb sindsdien nooit meer wandelingen
+zonder gids ondernomen.
+
+
+
+Na eenige dagen kwam de engelsche stoomboot, maar daarmee nog geen
+uitzicht op verbetering van mijn positie. Ook de opmetingsexpeditie
+kwam aan, maar daar ze zelf niet genoeg bediening had en vooreerst aan
+de onbewoonde kust werkte, kon ik van haar vriendelijke aanbiedingen
+geen gebruik maken. Ik bleef op de plantage en hield mij bezig, zoo
+goed het ging, en las de heele collectie fransche romans van den heer
+Ch., tot het hoofd mij omliep van al de dwaasheid.
+
+Eindelijk kwam er dan een gelegenheid, om ten minste "wilden" te zien.
+
+Greorges, de zoon van een buurman, had zich bereid verklaard,
+voor den heer Ch. arbeiders te werven. Zooals ik al zei, is het
+krijgen van werkkrachten voor den planter op de Nieuwe Hebriden het
+hoofdprobleem. Vroeger had de werving plaats niet door de planters
+zelven, maar door beroepswervers en was geworden tot een formeele
+slavenjacht. Met hun schepen kwamen ze aan de kust, schonken sterken
+drank aan de inboorlingen en sleepten ze in dronkenschap aan boord,
+om ze te verkoopen, of lokten ze door allerlei voorspiegelingen op het
+schip, om ze dan op te sluiten. Veelzijdig en wreed waren de middelen,
+die deze zeeschuimers gebruikten. Moord en doodslag waren aan de orde
+van den dag, en het was dan ook geen wonder, dat de wervers door de
+inlanders gehaat werden en aangevallen werden, waar de gelegenheid
+zich maar voordeed.
+
+De betere elementen onder de kolonisten konden met die toestanden geen
+vrede hebben, en de regeering ziet tegenwoordig op de werving toe;
+beroepswervers zijn er nog maar weinige, daar de inboorlingen zich
+alleen willen laten huren door een eigenaar van een plantage, dien ze
+hebben gezien, en ieder planter vaart thans zelf op zijn zeilboot uit,
+om arbeiders te zoeken, waar hij maar denkt, ze te zullen vinden.
+
+Terwijl van engelsche zijde zeer strenge voorschriften de werving
+regelen, en aan de bepalingen nadrukkelijk de hand wordt gehouden, is
+het bij de Franschen, precies als bij den alcoholhandel, de regeering
+drukt een oogje toe en bemoeit zich op de noordelijke eilanden zoo
+goed als niet met de werving en de behandeling van de arbeiders. Er
+gebeuren daar in stilte nog allerlei gruwelen, en men mag gerust
+beweren, dat de slavernij er nog bloeit.
+
+Op de volgende bladzijden zal men nog hooren van een paar gevallen;
+maar ik wil hier toch een en ander over de werving vertellen.
+
+Terwijl in vroeger jaren de inboorlingen door onervarenheid,
+door reislust en begeerte naar handelsartikelen bij honderden
+op de werfschepen werden gedreven, is dat tegenwoordig slechts in
+weinige en zeer afgelegen districten het geval. Daarentegen kennen de
+inboorlingen de toestanden, die ze zullen aantreffen, en ze kunnen,
+indien ze willen, al wat hun hart begeert, zich door den handel in
+copra verschaffen. Dus nu komen er heel andere prikkels in werking,
+die de inboorlingen naar den arbeid drijven.
+
+Vaak is het bij jonge mannen de wensch, naar den vreemde. te trekken,
+andere eilanden te zien en uit de engte van den eigen kring te komen,
+waar, vooral op sexueel gebied, strenge regels gelden, en waar de heele
+stam op hen toeziet. Menigmaal is het ook de wensch, geld te verdienen
+voor den aankoop van de thans zeer dure vrouwen, die ze niet kunnen
+missen bij het winnen en bereiden van de copra. Dan drijft velen de
+angst voor de vervolging van machtige hoofden en toovenaars, om een
+toevlucht te zoeken op de werfschepen. Maar behalve aan hen bieden deze
+schepen ook een schuilplaats aan allerlei misdadigers, wien de grond
+onder de voeten thuis te warm is geworden, en aan de liefdespaartjes,
+die aan de woede willen ontkomen van een wraakgierig bloedverwant of
+een bedrogen echtgenoot. Zoo wordt het werfsysteem indirect een steun
+voor de toch al voor het ras zoo nadeelige anarchie en zedeloosheid,
+ja, het is daarop eigenlijk alleen gebaseerd. Dit zien de wervers wel
+in, en daarom stoken ze zoo dikwijls de vuurtjes, die wanorde stichten.
+
+Als men weet, dat er ergens in het land oorlog is, dan verzamelen zich
+aan de kust de schepen, om de vluchtelingen op te nemen. Is er geen
+oorlog, dan zoekt men ook wel door intriges verwarring te stichten. Men
+deelt alcohol uit, die twist veroorzaakt, en neemt den volgenden morgen
+de inboorlingen, die physieken en moreelen Katzenjammer hebben, aan
+boord of overreedt dronken knapen tot meegaan door voorspiegelingen
+van de vreugde, die hen wacht op de plantages, waar wijn en vrouwen
+zijn en dansen. Lukt het ook dan niet, dan overvalt men badenden aan
+het strand of drijft heele familiën door gewapenden, die veelal van
+de Loyalty-eilanden komen, naar de schepen. Ook tracht men vrouwen te
+lokken, om door haar de jongelieden aan te trekken. Neen, het zijn geen
+mooie middelen, die het meerendeel der wervers aanwenden, en het is
+gemakkelijk te begrijpen, dat ze bijna overal, waar ze zijn geweest,
+een verscheurd familieleven, ontevredenheid en wrok achterlaten en
+een sterken haat tegen zichzelven en tegen de blanken in het algemeen.
+
+Er zijn vooral onder de engelsche kolonisten velen, die zich, hetzij
+noodgedrongen of uit principe, in het geheel niet van zulke middelen
+bedienen. Dan hebben verscheiden van die kolonisten een bepaald
+recruteeringsdistrict, waar zij en hun plantages goed bekend zijn,
+waar de inboorlingen dus weten, welke behandeling hen wacht, en weten,
+dat ze ter rechter tijd naar huis worden gebracht en hun volle loon
+meekrijgen. Die kolonisten hebben dan ook bijna altijd een voldoend
+aantal arbeiders.
+
+De techniek van het werven houdt in, dat het kleine zeilschip een
+paar honderd meter uit de kust voor anker gaat liggen en twee booten
+met gewapende bemanning naar den wal stuurt, waar één boot zich
+dichtbij de kust ophoudt en met de aan het strand op het hooren van de
+dynamietontploffing te zamen gekomen bevolking een bespreking houdt,
+terwijl de andere boot verder naar buiten de inboorlingen bewaakt,
+om bij den eersten aanval op hen te vuren en de eerste boot den
+terugtocht gemakkelijk te maken. De blanke blijft meestal aan boord
+van de zeilboot achter. Die voorzichtige taktiek is nu nog maar op
+weinig plaatsen noodig, doch daar men nooit kan weten, wat de blanke
+voorganger op zulk een plaats heeft uitgevoerd, en de inboorlingen
+dan daarvoor op den volgende blanke wraak nemen, is het wijs, den
+ouden regel te volgen.
+
+Ik wil hiermee niet beweren, dat de inboorlingen nooit zonder
+provocatie aanvallen. Dat overkwam al aan Cook op Erromango,
+en hij had toch stellig nooit de inboorlingen gekwetst, op welke
+manier ook. De Melanesiër echter is een bloeddorstig wezen, als hij
+meent, de sterkste te zijn; maar tegenwoordig moeten stellig zonder
+uitzondering alle aanvallen op werfschepen op de Nieuwe Hebriden aan
+misgrepen van blanken worden toegeschreven.
+
+Daar een van de regeeringen van het condominium zoo goed als niets
+uitvoert, wat de misbruiken kan tegengaan, en aan den anderen kant
+de plantages zonder voldoende werkkrachten te gronde moeten gaan,
+zou het in het belang van de inboorlingen zijn, alsook in dat van de
+planters, als het tegenwoordige werfsysteem geheel werd afgeschaft
+en daarvoor in de plaats een arbeidersconscriptie werd ingevoerd van
+wege de regeering. Daarmee zou het ras zijn gediend en de degelijke
+kolonisatie eveneens.
+
+Het werven van arbeiders is dus volstrekt geen onschuldig of gevaarloos
+werk, vooral niet aan de noord westkust van Malekula, waar nog totaal
+primitieve en zeer krijgshaftige en groote stammen wonen.
+
+Georges, onze kapitein, was een merkwaardige knaap. Hij was zeventien
+jaar, maar men zou hem best veertig kunnen geven. Bleek, met kleine,
+grijze oogen en een wantrouwigen blik, een zwak gekromden neus,
+smalle lippen, liep hij met hooge schouders en gebogen knieën altijd
+blootsvoets, in een blauwen werkmansbroek, een groen hemd en met een
+ouden, verweerden vilten hoed. Hij sprak weinig, en als hij praatte,
+gebeurde het zoo snel en zacht, dat haast niemand hem kon verstaan
+behalve zijn boys, die instinctmatig zijn bevelen begrepen. Maar
+hij was een uitstekend zeeman, kende de zee op zijn duimpje en wist
+zijn scheepje te besturen. Dat scheepje, drie meter breed en zes tot
+zeven meter lang, was zeer geschikt voor een verblijf van een dag of
+twee, drie; maar voor een reis van verscheiden weken was het totaal
+onvoldoende, vooral omdat het dek door talrijke kisten en voorraden
+was ingenomen, zoodat voor ons beiden slechts een kleine ruimte bij
+het stuur en de miniem kleine hut overbleef. Die hut was twee meter
+lang, anderhalven meter hoog, en daar waren al onze voorraden gepakt,
+de kleêren, de geweren, de ruilgoederen enz. Alleen kruipend kon men
+er zich bewegen, en als we met ons beiden waren, moesten we ons in
+de onmogelijkste bochten wringen, om naar dit of dat te reiken.
+
+Bij mooi weêr, als men zich op dek in de frissche lucht kon ophouden,
+leek het best uit te houden, maar bij regen, en het regende zeer
+dikwijls en hevig, als men zich redden moest naar de kajuit, was het
+heel onaangenaam aan boord. Maar de heer Greorges had geen oog voor
+dergelijke kleinigheden. Ofschoon hij alles met gemak veel dragelijker
+had kunnen maken, gaf hij zich daarvoor geen moeite. Het zonne- en
+regenzeil werd zoo laag gespannen, dat men er net niet meer recht onder
+kon staan, en hoe irriteerend dat op den duur werkt, weet ieder die
+het heeft ondervonden, terwijl het even goed anders zou hebben kunnen
+gebeuren. Voor het eten had hij daarbij volstrekt geen zin. Niet enkel
+had hij blijkbaar geen fijnen smaak, maar ook geen menschelijke maag,
+want als hem maar het een of ander eetbaars in de hand kwam, rauw
+of gekookt, etenstijd of niet, hij slikte het begeerig naar binnen,
+en hij vond het een overbodige beslaglegging op zijn boys, wanneer ik
+nu en dan mij wat rijst kookte of een bord liet wasschen. Zoo had hij
+eigenlijk altijd gegeten, en als ik hem vertelde, dat het etenstijd
+was en de maaltijd klaar stond, hulde hij zich in zijn dekens en
+legde zich, zonder een woord te zeggen, neer, om te slapen.
+
+Het gevolg van een en ander was, dat ieder van ons zijn eigen leven
+leidde, wat de materiëele zijde betrof. Maar de gemoedelijkheid, die
+voor de vele ontberingen aan boord wat vergoeding had kunnen geven,
+ontbrak geheel. Intusschen, het ging zoo ook wel.
+
+Sinds vele weken was het de eerste zonnige dag, toen we ons door de
+strooming uit het Kanaal lieten drijven; de riemen moesten helpen,
+als het al te langzaam ging. Na verscheiden uren kwamen we in de open
+zee; een frissche bries kreeg vat op ons, en vliegensvlug lieten we
+Santo en de kleinere eilanden Aoré, Malo, Tutuba achter ons.
+
+Blauwe, met wit schuim gekroonde golven hieven ons op, zoodat we ver de
+prachtige zee konden overzien; maar dan zonken we weer in een golfdal,
+van waaruit we de nabijzijnde golven dreigend zagen naderen. Achter
+ons schommelde de eene roeiboot zigzagsgewijze mee, zwevend als een
+eend op het water.
+
+In den laten namiddag naderden we de noordpunt van Malekula en
+volgden dan de westkust naar het Zuiden, naar het land van de "Big
+Nambas", ons reisdoel. In tegenstelling met de andere eilanden van
+den archipel biedt Malekula hier niet den aanblik van een dicht, groen
+tapijt. We zagen hier niet het ondoordringbare oerwoud met de wuivende
+kronen, de vele schakeeringen van het groen en de veelsoortigheid
+van den plantengroei, maar een nog al magere vegetatie, gras op
+de koraalriffen, eenige boschjes erachter, dan schraal woud tegen
+steile heuvels, op welker ruggen hoog bruingroen gras groeide. In
+het grijze licht, dat door nevels brak, was het niet juist een
+verheugende aanblik.
+
+Langs een verbrokkelde koraalkust, waar nu en dan een lichtgekleurd
+strand zich vertoonde, voeren we langzaam verder en wierpen tegen den
+nacht het anker uit in helder water, waarin men tot op een diepte van
+wel vijftien meter de wonderbare vormen van de koraalbanken en hun
+diepe, geheimzinnige kleuren kon herkennen. Het water was kalm als in
+een vijver, en toch bevonden we ons aan het strand van die reuzenzee,
+die zich naar het Westen tot aan de Torresstraat uitstrekt.
+
+Wolkenflarden dreven over de steile heuvels aan den oever, de
+sterren schenen waterachtig; het was heel eenzaam en stil, nergens
+een vuur of eenig geluid. Op het dek uitgestrekt, luisterde ik naar
+de branding, die zich in de vele bochten nu eens luider, dan weer
+zachter deed hooren. Het is het geweldige reinigingsproces van de
+zee, het onophoudelijke vermalen en uitwerpen van alle onreinheden,
+het langzame, onweerstaanbare verkleinen en vernietigen van allen
+afval van het vasteland, ja, van het vasteland zelf.
+
+De streek Big Nambas, aan welker kusten we ons bevonden, draagt haar
+naam naar de grootte van een zeker kleedingstuk, dat ten deele onze
+broek vervangt. In verschillende vormen is de nambas bijna in den
+geheelen archipel bekend, maar nergens vindt men het kleedingstuk in
+zoo kolossale afmetingen als hier. Big Nambas is nog de minst bekende
+streek van de eilandengroep; bijna nog nooit heeft een blanke het
+binnenland daar betreden. In tegenstelling met andere streken hebben
+de inboorlingen hier nog hun strenge organisatie behouden, en dat is
+waarschijnlijk de reden, waarom ze niet gedegenereerd en machteloos
+zijn geworden.
+
+Onder hen is nog de oude hoofdeninstelling krachtig, wat een waarborg
+is voor de orde in hun staatswezen. Het hoofd heeft natuurlijk het
+grootste belang bij het in standhouden van zijn machtsmiddelen, in de
+eerste plaats bij het aantal van zijn krijgers; hij onderzoekt daarom
+streng iederen moord of doodslag en iedere daad van wraak, die hem op
+een krijger kon komen te staan. Evenzoo verhindert hij kindermoord,
+zoodat hij, trots zijn willekeur, zijn hebzucht en wreedheid, over
+het geheel voor den stam zegenrijk werkt.
+
+Bijna overal is de eerbied voor het hoofd sterk verminderd, en het
+gevolg is, dat ieder alleen voor zijn eigen belangen zorgt, en zich
+recht verschaft en voordeel door wapengeweld en vergift, zoodat heele
+stammen binnen een enkele generatie geslonken zijn tot op een tiende
+van hun aantal. Daarbij kwamen kindermoord en veel ziekten, om het
+vernielingswerk te voltooien.
+
+Maar, zooals gezegd, Big Nambas is nog krachtig en kan de blanken op
+een afstand houden. Omdat echter van daar de opgewektste en flinkste
+arbeiders komen, beproeven de wervers telkens weer, er vasten voet te
+krijgen, wel met weinig resultaat, maar ze winnen toch enkelen. Op onze
+boot was als tolk een man uit Big Nambas, en van de vijf andere boys
+waren vier van Aoba, die een heel ander type vertoonden in voorkomen
+en taal, terwijl er één van Malekula bij was.
+
+Bourbaki, zoo heette onze man uit Big Nambas op de plantage, had zich
+vóór twee jaren laten aanwerven. Toentertijd was hij de moordenaar
+geweest van het groote hoofd met honderd-vijftien vrouwen, en nu was
+hij een zeer bruikbaar arbeidsleider op de plantage van den heer
+Georges. Een gemoedelijke, vroolijke vent, met brutaal gezicht en
+kleine, sluwe oogen, die zich in de europeesche kleeding zeer goed
+kon schikken. Hij was een van de weinige inboorlingen, die openlijk
+erkende, hoe smakelijk menschenvleesch was, en een jaar geleden moet
+hij ontroostbaar zijn geweest, toen hij bij een bezoek thuis een
+dag te laat kwam voor een kannibalenmaaltijd, en moet zijn vader
+bittere verwijten hebben gedaan, dat hij niet een portie voor hem
+had bewaard. Maar, afgezien van die smaakafdwaling, was Bourbaki een
+zeer net mensch, betrouwbaar, dienstvaardig en innig verheugd, nu en
+dan zijn papa en mama weer te zien. Wij hoopten, dat hij ons bij het
+werven goede diensten zou bewijzen en beloofden hem commissieloon.
+
+Toen Bourbaki zich had laten aanwerven, was het hoofd woedend geweest,
+dat hij zijn beul verloor en had bevel gegeven, den werver, een
+zwager van den heer Georges, te dooden. Eenige inboorlingen loerden
+op hem aan het strand en schoten op hem, toen hij in zijn boot ging;
+de blanke werd licht gewond, en een inlandsche vrouw, die achter hem
+in de boot zat, werd gedood. De boot verwijderde zich snel. Bourbaki
+vond het zoo erg niet, nu er maar één vrouw bij was omgekomen.
+
+De morgen was donker en regenachtig. We lieten een dyamietpatroon
+ontploffen en wapenden ons tot de tanden. Elk van ons had een
+revolver en een repeteerkarabijn; de boys kregen een oud geweer en
+vier patronen. De boot lag ongeveer tweehonderd meter van den wal;
+we konden het vlakke strand overzien. Daarachter steeg de dicht
+beboschte oever steil omhoog tot honderd meter hoogte.
+
+Op het water waren wij volkomen veilig, want de inboorlingendorpen
+liggen vrij ver naar het binnenland, en de menschen zelf schuwen
+de zee en komen enkel naar het strand, om nu en dan tusschen het
+koraalgesteente wat schelpen en mossels te zoeken. Ook bezitten ze
+geen vaartuigen, in tegenstelling met de oeverbewoners uit andere
+streken, die met hun primitieve boombooten met uitleggers vaak verre
+reizen naar naburige eilanden ondernemen.
+
+Wij brachten Bourbaki, die zeer er naar verlangde, zijn verwanten te
+zien, naar land; op een smal pad verdween hij in het bosch met het
+geweer over den schouder.
+
+We keerden naar de boot terug en wachtten. Men mag bij het werven niet
+op tijd zien, maar moet zich wapenen met veel geduld, want alleen
+daardoor kan men op eenig succes hopen. De zwarten zelf hebben geen
+idee van de waarde van den lijd en geen begrip van de haast, die onze
+beschaving in het leven heeft geroepen.
+
+In den namiddag verschenen eenige naakte gestalten aan het strand. Eén
+van hen wenkte met een tak. Weldra kwamen er meer, en op het laatst
+waren het ongeveer vijftig man; op den achtergrond, half verborgen
+in het bosch, stonden eenige vrouwen, ongeveer een dozijn.
+
+We gingen in de booten, telkens twee boys en een blanke, en naderden
+langzaam de kust. De inboorlingen droegen geweren in de rechterhand
+en in de linker groote yamsknollen. Ze wilden ruilen. We beduidden
+hun, dat ze de geweren moesten neerleggen. Toen ze dat niet deden,
+spanden wij de hanen van onze geweren en toonden ons gereed, om te
+schieten. Daarop legden enkelen de wapens aan den boschrand neer,
+en de anderen gingen met hun geweren zitten en keken naar ons. Toen
+legden ook wij de geweren in de boot en toonden onze ruilwaren, tabak,
+lucifers, aarden pijpen en katoen.
+
+Het waren meest allen knappe mannen van iederen leeftijd. Hun uitzien
+was echter wild en dreigend, toen ze met hun yams naar de booten
+toekwamen. De knollen waren zeer groot en wij gaven één of twee rollen
+tabak ervoor of pijpen. Katoen en lucifers waren niet erg in trek. De
+menschen waren geheel naakt buiten een gordel van palmbast, dien ze
+eenige malen om het lijf hadden gewonden, zoodat hij als een dikke
+rol afstond. Daaromheen hadden ze gevlochten banden geslingerd van
+rood gekleurd gras, waarvan de uiteinden als langen kwasten ter zijde
+afhingen. Onder den gordel hing de nambas, die ook van rood gekleurd
+gras was vervaardigd. Daarbij kwamen nog kleinere sieraden, als
+oorringen van schildpad, bamboe-kammen, armbanden en halskettingen van
+schelpen. Maar op de mooie, lenige lichamen zat een hoofd, dat aan de
+geschiedenissen van menscheneters uit sprookjesboeken kon herinneren.
+
+Boven de oogen en den neuswortel stak het voorhoofd vooruit en
+daaronder gluurden de oogen loerend en onrustig, en hun duistere blik
+werd niet verzacht door de bruinachtige kleur van het oogwit. De
+neus was een beetje gebogen met dikke neusvleugels, die door een
+bamboestaafje nog verbreed leken. De bovenlip was meestal kort
+en bedekte maar half een opvallend breeden mond met een stevig
+gebit. Men denke zich het heele gezicht omgeven door lange, ruige
+haren en baard en besmeerd met een zwarte vetlaag, dan heeft men een
+goede voorstelling van de zoo moderne kannibalen.
+
+Wij hadden in het begin niet veel trek, aan land te gaan en
+hielden onze vis-à-vis goed in het oog. Die werden langzamerhand
+vertrouwlijker, vergaten hun schuwheid en gedroegen zich als
+luidruchtige, vroolijke kinderen; maar de minste heftige beweging
+van onzen kant deed hen opschrikken en achteruit gaan. Zoo gingen
+velen op de vlucht, toen ik haastig een aarden pijpje wou grijpen,
+dat van de zitplaats ging vallen.
+
+Nadat onze booten met yams waren gevuld, waagden we, aan land te
+gaan. Wantrouwend stonden ze om ons heen, elke onzer bewegingen
+bespiedend. We lieten hun onze wapens zien, die ze met bewondering en
+verbazing bekeken. Hoe grooter de patronen en de kogels waren, des
+te meer indruk maakten ze, en onze revolver beschouwden ze met een
+verachtelijk schouderophalen, tot we ermee begonnen te schieten. Bij
+elken knal wendden ze zich verschrikt af en lachten dan om hun eigen
+angst, maar hadden van toen af groot respect voor "them small fellow
+musquets".
+
+Geleidelijk werden ze driester, kwamen nader en begonnen ons
+aan te raken, eerst met de toppen van de vingers, dan met de
+hand. Ze wilden alles zien, onze patroontasschen, onze kompassen,
+enz. Fluiten en smakken met de lippen waren de teekenen van eerbied
+en bewondering. Toen er niets meer te kijken viel, werden wij zelf
+de voorwerpen van onderzoek, en daar ik daaraan niet gewend was, kon
+ik het moeilijk verdragen. Het ging nog, dat ze hun donkere armen
+en beenen naast onze lichtere huid hielden, en dat ze liefkoozend
+over de zachte huid van de binnenzijde der armen streken; maar toen
+ze ook de stevigheid van de bovenarmen en de dijen onderzochten en
+met kennersdruk de consistentie van onze spieren nagingen, daarbij
+onverstaanbare klanken uitend en heftig smakkend, blijkbaar tevreden
+over het resultaat, toen werd het mij hoogst onbehagelijk te moede,
+vooral toen ik een man van begeerte zag trillen en van den eenen voet
+op den anderen zag springen. In zoo'n geval is het gevoel, met zijn
+beiden te zijn en een wapen te hebben, innig troostrijk.
+
+Langzamerhand waren we den boschrand genaderd en konden tersluiks
+eens naar de vrouwen kijken. Zij hadden grasschorten om het lijf
+en een merkwaardige hoofddracht van gerolde vlechten van gras. Allen
+hadden haast kinderen, die ze op de heupen droegen. Velen hadden groote
+wonden van het zitten in vocht en vuil aan haar beenen en enkels. Men
+drong ons echter vlug weg van de vrouwen en joeg ze in het woud; na
+eenigen tijd was het strand eenzaam, en wij keerden naar de boot terug.
+
+Tegen den avond kwamen weer eenige mannen aan het strand. Vergenoegd
+over de gekochte tabak, dansten ze een vreugdedans, van den eenen voet
+op den anderen springend, zich draaiend en erbij zingend met lagen,
+eentonigen klank. Het rumoer en het hinnikende lachen klonken door de
+schemering. Toen de nacht aanbrak, werd het rustig, en ze verspreidden
+zich aan het strand, ontstaken vuren en roosterden hun yams. In de
+verte bliksemde het, de branding bruiste, het scheepje stampte, en
+de roeibooten stieten er onrustig tegenaan. De wind ruischte door
+het oerwoud, en nu en dan rolde de donder. Wij voelden ons eenzaam;
+zou er storm komen? Op ons notedopje waren we niet veilig. Na de
+lamp te hebben uitgedaan, gingen we op het dek liggen. Daar sliepen
+we in, tot een hevige regen ons opschrikte. In een oogwenk was het
+dek overstroomd; we trokken ons in de hut terug en brachten in de
+benauwde ruimte een onaangenamen nacht door.
+
+Den volgenden morgen waren weer een twintigtal mannen aan het
+strand. Het spelletje van den vorigen dag herhaalde zich. Nu
+en dan trokken we ons op de boot terug; maar de menschen werden
+vertrouwelijker, kwamen zonder wapens, en toen hun voorraad yams
+was uitgeput, gingen ze naar het dorp terug. Een oogenblik van
+rust gebruikten we, om langs het smalle, glibberige pad den hoogen
+oever te bestijgen. Halverwege stieten we op twee oude mannen, die
+yams droegen. Bij onzen aanblik beefden ze sterk, bleven staan en
+begonnen te praten. Wij legden de geweren neer en wenkten, dat ze
+naderbij moesten komen. Toen wierpen ze hun yams weg en vluchtten in
+het dichte struikgewas. We gingen maar terug, om niemand te prikkelen.
+
+Des avonds kwamen langs de kust uit het Zuiden een troep inboorlingen
+met yams. Ze naderden voorzichtig en tot schieten klaar. Ze waren van
+een anderen stam, die met den stam hier oorlog voerde. Ze hurkten
+neer, altijd bereid, om op te springen en nauwkeurig den boschrand
+bespiedend. Eén van hen sprak een beetje pidgin-Engelsch. Ze noodigden
+ons uit, bij hen te komen en yams te ruilen. We beloofden het voor
+later. Daar klonken roepstemmen uit het bosch. Plotseling sprongen
+ze op en liepen weg. Georges wou met hen spreken en ijlde achter hen
+aan, met de karabijn in de hand. Toen zwaaiden ze dreigend met hun
+geweren en verdwenen achter de rotsen. Ze meenden, dat wij op ze wilden
+schieten. Zoo ontstaan wel meer misverstanden, die met schieterijen
+en moord eindigen, als men niet de grootste kalmte bewaart.
+
+Den heelen dag regende het in sterke buien; alles was vochtig, en de
+nacht was donker en stil. We leden in de stiklucht van de hut.
+
+Des morgens kwam Bourbaki terug met een schaar inboorlingen. Weer
+werden wij betast en bewonderd. Ik liet enkele mannen met een geweer
+schieten, waarbij ze het wapen ver van hun lichaam hielden en op goed
+geluk schoten. Bourbaki vertelde, dat er over een paar dagen een groote
+slachtpartij van varkens zou plaats hebben, en dat tot dien tijd alle
+menschen het druk hadden. Het hoofd was niet te spreken en bleef voor
+ieder onzichtbaar, behalve voor een bediende, die hem zijn eten bracht.
+
+Wij landden een geitje en twee varkens. Het geitje wekte groote
+verwondering, en niemand waagde, het aan te raken. Bourbaki gelukte
+het, drie oude mannen aan boord te lokken. Onhandig gingen ze in de
+booten en angstig hurkten ze op het dek van het schip, stom en met
+groote oogen. Slechts langzaam overwonnen ze hun schuwheid en bekeken
+alles. Een kookpan bracht hen in verrukking en smakkend betastten ze
+de planken van het schip, terwijl de aanblik van de hut hen sprakeloos
+maakte van bewondering. Als ze iets niet begrepen, haalden ze den
+rechterschouder op. We lieten hun een spiegeltje zien. Het duurde
+lang, eer ze het gebruik uitvonden; maar toen ze begrepen, dat ze
+zichzelf erin konden zien, lachten ze luid en staken de tong uit. Al
+spoedig zagen ze in, dat de spiegel een toiletinstrument kon wezen
+en staken lucifers in hun haar ter verfraaiing. Een horloge wekte
+een geresigneerd schouderophalen en maakte verder geen indruk. Geld
+wilden ze zien; maar ze waren teleurgesteld en hadden het zich heel
+anders voorgesteld.
+
+Zelfs een goudstuk liet hen koud; een stukje papier hadden ze
+liever. Daarentegen imponeerde hen onze voorraad patronen kolossaal. We
+lieten Bourbaki vragen, of wij het groote feest mochten bijwonen,
+en of ze ons niet zouden opeten.
+
+Na een uur verlieten ze ons weer, wel minder angstig dan ze waren
+gekomen, maar toch blij, het schip te kunnen verlaten met al zijn
+wonderen. Bourbaki maakte zich vroolijk over hun naïeveteit en kwam
+zich verbazend beschaafd voor; maar hij is zelf nog ruw en vertrouwt
+mijn fotografietoestel maar half. "De blanke man weet te veel",
+is zijn uitspraak.
+
+Het regende den geheelen dag, en eerst tegen den avond klaarde het
+op. Eenige inboorlingen bleven den nacht over aan het strand. Ze
+maakten vuur en zongen. Onze boys lachten om hen, bootsten het
+gezang na en voelden zich ver verheven boven de wilde boschmenschen,
+vergetend, dat voor slechts enkele jaren zij zelf niet veel beter
+waren, en dat ze, als ze naar hun dorp terugkeerden, al gauw alle
+beschaving weer zouden hebben afgeschud.
+
+Langzamerhand werd het stil; alleen de branding was te hooren. We
+sliepen weer op het dek en werden als te voren door een regenbui
+opgeschrikt, om ons te redden in de nauwe hut. Den volgenden dag
+verschenen er haast geen inboorlingen. Ze hadden het druk met de
+voorbereiding van hun feest. Wij hadden niets te doen. Onder de grauwe
+lucht en den stofregen kreeg de verveling vat op ons. Men bespeurt de
+ongerieflijkheden van het leven en krijgt een gevoel, zijn tijd te
+verliezen, wordt prikkelbaar, stoot zich aan kleinigheden en maakt
+zich noodeloos boos. Als mijn metgezel maar minder slecht gehumeurd
+was, zou het beter gaan. Men mist het rustige praatuurtje 's avonds
+bij een kopje thee en een pijp. Alleen zijn zou beter wezen dan deze
+eenzaamheid met z'n tweeën.
+
+Onder het luisteren naar de branding begreep ik voor de eerste
+maal dat verlangen, dat de wind toch bericht mocht brengen uit het
+vaderland. Is dat heimwee? Toen er een paar heldere dagen kwamen,
+werd alles dadelijk beter. De boot leek geriefelijker, en het groene
+tapijt van het oerwoud langs de rotsen maakte meer indruk. Het was
+doodstil; alleen lokte in de verte een vogel in het woud. Dan deed
+het goed, in het zand te liggen en te vegeteeren, zonder gedachten,
+slechts overgegeven aan de zaligheid van het bestaan.
+
+Twee groote wilde zwijnen kwamen dien avond aan het strand en groeven
+uit het zand de yams, die de inboorlingen er begraven hadden. Een
+jacht, die niet slaagde, gaf ons wat beweging en afleiding. We konden
+gerust ons van de boot verwijderen, want de inboorlingen waren allen
+boven, in hun dorpen. Heerlijke zonsondergangen besloten heldere
+dagen. Een wolkenbank bedekte half de zon, die gloeiend zich met
+de zee scheen te verbinden. Naar boven schoten heldergele stralen
+in den staalblauwen hemel. Daarna loste alles zich op in een zee
+van vuur, en spoedig viel de nacht. De sterren blonken, eerst het
+zuiderkruis. Halley's komeet was nog flauw te zien.
+
+Des morgens was de hemel wolkenloos en doorliep alle kleuren, tot de
+stijgende zon hem stralend blauw kleurde. Dan ziet men op den bodem van
+de zee elken steen, ziet de wonderbare koraalbanken, de bizarre vormen
+van de afzonderlijke groepen, de gedempte en toch vurige kleuren, rose,
+violet en geel, dat schittert als gedegen goud. Daarop liggen groote,
+blauwe zeesterren; reusachtige visschen in heldere tinten strijken
+langzaam en welbehagelijk langs de klippen; kleine schieten haastig
+als dol ertusschen door, sommige zuiver blauw getint. Alles ademde
+welbehagen en vrede.
+
+Bourbaki kwam met zijn broertje. Hedenavond zou het groote feest
+beginnen; ik vroeg hem, of er veel varkens zouden wezen, om te worden
+geslacht. "O", antwoordde hij, "dat beteekent niets; wij hebben een
+mensch. Gisteren hebben we hem in het bosch gedood en hedenavond zullen
+we hem opeten". Hij zei het met het kalmste gezicht ter wereld, alsof
+hij het over het weêr had. Ik moest mij geweld aandoen, niet van hem
+weg te gaan en keek hem ongerust in het gelaat. Hij keek verloren in
+de ruimte, alsof hij al aan het maal smulde, nam een stuk kokosnoot
+en rukte met zijn sterk gebit het vleesch van de schaal. Dien heelen
+morgen was hij zeer vergenoegd en behulpzaam.
+
+Des middags ging Bourbaki weer weg en twee dagen lang zagen wij geen
+inboorlingen. Ze waren allen boven in het dorp bij het groote feest,
+terwijl wij de dagen in doffe rust doorbrachten. Eentonigheid overal;
+de zee en het strand en het oerwoud, alles werd vaal en grauw onder
+de regenlucht. Wat is men toch afhankelijk van de omgeving! Een
+zonnestraal kan leven brengen en onze stemming meteen verhelderen.
+
+Den derden dag kwam Bourbaki terug, wat vermoeid en gedrukt, maar
+zichtbaar tevreden. Eenige vrienden vergezelden hem. Hij bracht een
+boodschap van het hoofd, waar we zeer mee waren ingenomen. Het hoofd
+liet zeggen, dat hij ons welgezind was en niet ongenegen, ons boys te
+leveren. Hij had echter nu nog in het dorp te doen en zou eerst over
+tien dagen aan zee komen, om ons te bezoeken. Tot zoo lang moesten
+we geduld hebben.
+
+Om de tien dagen te benutten, besloten we, dadelijk naar de
+Tesbelbaai in het Zuiden te gaan, om daar ons geluk met de werving te
+probeeren. We hadden ook van daar een boy, Macao, aan boord, door wien
+we hoopten, te zullen slagen. Bourbaki, die in de weinige dagen, die
+hij thuis had doorgebracht, wat verwilderd was, kreeg verlof tot onze
+terugkomst. Hij moest in dien tijd flink voor ons werken. Hij scheen
+over die vacantie niet weinig in zijn schik, en dus waren we des te
+meer verbaasd, toen hij kort vóór ons vertrek aan boord terugkeerde
+en zich zonder nadere uitlegging verdienstelijk maakte. Wij zagen
+daarin een teeken van zijn aanhankelijkheid en vergaven hem sommige
+ongemanierdheden.
+
+De wind was niet gunstig voor onze vaart. Den geheelen nacht kruisten
+we heen en weer, zonder vooruit te komen. Regenvlagen streken over
+de zee, en even daarna was er geen zuchtje te bespeuren. Maar in de
+hoogte dreven zwarte wolken naar het westen, en ertusschen zagen we
+enkele sterren in volle sterkte. Het dek was door allerlei voorwerpen
+en kisten versperd, dus wist men nog minder dan anders, waar men zich
+zou bergen, als men niet in de hut wou stikken. Als er geen wind is,
+fluiten de boys om hem op te wekken, eentonig, onvermoeid, en zijn
+vast overtuigd, dat zij den eerstvolgenden windstoot hebben uitgelokt.
+
+De roeiboot moest ons naar onze ankerplaats sleepen, want de wind
+was weer gezakt; Bourbaki juichte en ging aan het roer zitten. De
+Tesbelbaai was een mooie bocht, door hooge koraalrotsen ingesloten. Er
+stonden aan het strand twee mannen, die ik kon huren voor den volgenden
+morgen, om mij naar de dorpen in het binnenland te geleiden. Bourbaki
+en zijn vriend Macao marcheerden vroolijk wenkend weg, om den nacht
+in het dorp van Macao door te brengen.
+
+Na zonsopgang liet ik mij met Georges naar den oever roeien, om eens
+in het binnenland te kijken; maar halverwege zag ik Macao aan het
+strand als een bezetene heen en weer loopen, schreeuwend en wenkend,
+waarbij ik, toen ik hem kon verstaan, mij hoorde toeroepen: "Bourbaki
+is dood, kom en help mij!" Ik nam hem in de boot en voer naar het schip
+terug. Macao trilde over zijn heele lijf, stiet wilde verwenschingen
+uit en schreide. Tusschen de vingers van zijn linkerhand had hij zijn
+patronen geklemd. Men kon niets verstaanbaars uit hem krijgen. Alles,
+wat hij kon zeggen was, dat men tegen den morgen Bourbaki had
+doodgeschoten, en dat hij zelf was gevlucht. Wij vermoedden, dat
+Bourbaki wat op zijn geweten had gehad; maar achtten het toch noodig,
+zijn lijk te halen. Genoegdoening te erlangen zou wel niet gaan. Macao
+zei, dat het dorp dichtbij was. We wapenden ons en de boys en landden
+na tien minuten. Den jongsten, een veertienjarige, lieten we achter;
+hij moest met de roeiboot dichtbij het strand blijven. Zijn oudere
+broer, een sterke knaap, wou ook liever in de boot blij ven, en nu
+waren we nog met ons vijven. Macao liep vooruit op het smalle pad in
+het oerwoud, scherp rechts en links uitkijkend.
+
+De weg was heel slecht, glibberig op de hellingen, met veel
+boomwortels, steenen, beken en hoog gras. Elk oogenblik kon een
+aanval plaats hebben, maar we stelden ons gerust met de overweging,
+dat de inboorlingen slecht schieten en ons wel door een niet raak schot
+zouden waarschuwen. We liepen een uur en vroegen ongeduldig aan Macao,
+wanneer we er nu zouden zijn. "We zijn er dadelijk", antwoordde hij
+steeds. Na anderhalf uur kwam de zaak ons verdacht voor, maar we hadden
+ons eenmaal eraan gewaagd en moesten het plan volvoeren. Plotseling
+waren we eindelijk in een dorp. Een dozijn mannen en een half dozijn
+vrouwen stonden er blijkbaar te wachten op wat er zou gebeuren. De
+aanwezigheid van de vrouwen toonde ons terstond, dat de stemming
+vreedzaam was. We zagen een ouden man, een bloedverwant van Macao,
+zich bij ons aansluiten en wij volgden beiden naar een dorpsplein,
+waar ongeveer dertig mannen met geweren stonden.
+
+Macao sprak met hen; ze legden de geweren op den grond en voerden
+ons naar twee hutten op zij. Daar lag Bourbaki dood op den rug; hij
+had vóór een hut gezeten, toen men hem van achteren à bout portant
+had doodgeschoten. Hij was nog opgesprongen en had willen vluchten;
+maar was dadelijk neergestort. Zijn geweer en zijn patronen waren er
+niet. De mannen stonden om ons heen en spraken heftig, maar blijkbaar
+hadden ze geen vijandelijke bedoelingen. We beduidden hun, dat ze
+Bourbaki moesten begraven, wat ze ook terstond begonnen te doen;
+met toegepunte stokken groeven ze gemakkelijk in den zachten grond
+een graf. Toen verlangden we het geweer en de patronen van Bourbaki
+en vroegen naar de moordenaars. Er moesten twee zijn geweest. Na
+eenig overleg verwijderden zich een paar mannen, onder wie een oude
+grijsaard met wit haar, gewapend naar de oude zede met boog en pijlen
+en een grooten knods aan een draagband.
+
+Na ongeveer een half uur kwamen ze terug; twee mannen stonden schuw
+ter zijde. De inboorlingen hurkten neer en fluisterden te zamen,
+tot een van hen ons naar de beide mannen leidde. We begrepen, dat
+het de beide moordenaars waren, en Georges en ik grepen elk een
+aan. Ze verzetten zich, weinig; maar er volgde wel een algemeen
+tumult, waarbij er waren, die de misdadigers vervloekten, maar ook
+verwanten, die ze niet wilden uitleveren. Wij zeiden, dat wij met
+de uitlevering van de schuldigen ons zouden tevreden stellen; anders
+zouden we het oorlogsschip inlichten, en dan zou dat wraak nemen op
+het heele dorp. Toen mijn gevangene zich begon te verzetten, bond ik
+hem vast, en toen ik daarmee bezig was, hoorde ik een schot, en ik
+dacht al, dat het uit was met den vrede, toen Georges mij toeriep,
+dat de andere gevangene ontvlucht was. Hij had van de onderhandeling
+van Georges met de inboorlingen gebruik gemaakt, om zich los te rukken
+en in het woud te verdwijnen. Een schot had hem niet opgehouden.
+
+De stemming werd intusschen zoo opgewonden, dat wij het maar het best
+vonden, ons terug te trekken. We namen den gevangene mee en keerden
+naar de kust terug. Eenige inboorlingen volgden ons. Toen we het dorp
+verlieten, braken de verwanten van den gevangene in luide weeklachten
+uit; ze dachten, dat we den man zouden martelen; Belni, zoo heette de
+schuldige, trilde als een blad en schreide als een gestraft kind. Hij
+vroeg Macao telkens, wat er met hem zou gebeuren. Macao zal hem wel
+niet hebben gerustgesteld, want hij was woedend en wou tot elken
+prijs zijn vriend Bourbaki wreken. Wij lieten Belni opsluiten in het
+schip en deelden toen aan het dorp mee, dat wij voor den volgenden
+middag de uitlevering van den vluchteling, de patronen van Bourbaki en
+twee varkens verlangden. We leerden toen ook de oorzaak van den moord
+kennen. Belni's broeder had zich met de vrouw van het hoofd ingelaten
+en was door dezen tot betaling van eenige varkens veroordeeld. Hij was
+echter arm, had geen varkens en wou zijn schuld boeten door iemand
+te dooden. De ongelukkige Bourbaki kwam hem juist gelegen, en hij
+stookte daarom Belni op, hem te vermoorden. De broeders praatten den
+heelen nacht met hun slachtoffer en Macao, lieten zich het geweer van
+den eerste vertoonen en speelden ermee. Toen Macao zich op eenigen
+afstand bevond, maakten ze van de gelegenheid gebruik, om Bourbaki
+in den rug te treffen en namen toen de vlucht. Daarmee was de schuld
+tegenover het hoofd geboet, wat wel zeer merkwaardig mag heeten.
+
+Nu de eerste opwinding voorbij was, kregen onze boys, die des morgens
+zoo moedig waren geweest een gevoel van angst. Ofschoon ze op het water
+volkomen veilig waren, dachten ze aan allerlei gevaren van de zijde
+van Belni's verwanten. Macao meende, dat ze zijn vader in het dorp
+wel konden opeten, en wij waren beiden ook niet recht gerust. Hier
+in de Tesbelbaai konden we niet blijven, en onze werving onder de Big
+Nambasbewoners gaf niets. De boys waren slechts met moeite te bewegen,
+naar land te roeien, om water en hout te halen. We behielden ons de
+beslissing voor den volgenden dag voor.
+
+Des avonds haalden we Belni uit de scheepsruimte. Hij was onder een
+hoedje te vangen, maar zag blijkbaar zijn schuld niet in. Nu ja, hij
+had een man doodgeschoten; maar dat leek hem meer eer dan schande. De
+boys bleven op een afstand; alleen Macao gaf hem te eten, hurkte voor
+hem neer met haat in de oogen en onder felle dreigementen. Hij kwelde
+Belni zoo wreed, dat ik den schuldige weer liet opsluiten, en wij
+waakten des nachts, om te beletten, dat Macao een moord beging. Het was
+een heldere maannacht. Een van de boys leed aan krampen en bleef op dek
+kreunen. Allen meenden, dat hij door de bloedverwanten van Belni ziek
+was getooverd, en ze wilden dadelijk wegzeilen. Den volgenden morgen
+brachten wij aan boord door in afwachting van de inboorlingen. Ze
+verschenen, ongeveer twintig man sterk, maar zonder den vluchteling
+van gisteren; ze beweerden, dat het schot hem had getroffen, en in den
+nacht was hij gestorven. Dat kon wezen en daar wij toch niets tegen
+het dorp konden ondernemen, drongen we niet verder aan. Het geweer
+en de patronen brachten ze ons terug en twee groote varkens. Daarmee
+hoopte het hoofd, dat wij tevreden waren gesteld, wat hem betrof,
+en van toen af hadden we enkel met de beide moordenaars te doen.
+
+Daar wij den goeden wil van de menschen erkenden, verklaarden we ons
+tevreden en keerden naar boord terug. De varkens werden bij Belni
+opgesloten, en wij lichtten het anker en voeren noordwaarts in een
+wind, die ons in vier uren den afstand deed afleggen, waarvoor we op
+de heenreis vier-en-twintig uur hadden noodig gehad.
+
+Georges besloot, naar huis te varen, omdat we bang waren dat onze
+boys Belni zouden vermoorden, want als de golven bijzonder hoog waren,
+hadden ze telkens gevraagd, of ze hem nu niet in zee mochten gooien. De
+terugreis ging vlug; maar de golven sloegen over de boot en alles
+was doornat. We troostten ons met de gedachte, dat het nu spoedig
+voorbij was, en gemak en zindelijkheid leken zeer aantrekkelijk na
+de ellende op de kleine boot. Wel had onze werving geen succes gehad,
+maar dergelijke tegenslagen behooren tot het handwerk.
+
+Met vreugde begroetten we de eeuwig door regenwolken bedekte kusten van
+Espiritu Santo en brachten onzen gevangene heelhuids aan land. Wat met
+hem zou gebeuren, was nog onbepaald. Vooreerst zou hij op de plantage
+werken. Bij aankomst zagen we, dat ons oude schip voor een vierde deel
+vol water stond. Gelukkig dat we er onderweg geen hinder van hadden
+gehad, maar lang hadden we ons niet meer boven water kunnen houden.
+
+
+
+Na den terugkeer van die reis deed zich het vraagstuk, om van het
+Canal du Segond in een beter werkgebied te komen, nog dringender
+voor. De eenige hoop was nu de eventueele aankomst van den pater
+van Port Olry in het noorden van Santo met zijn kotter, waarmee hij
+nu en dan tochten naar zijn collega's ondernam. Hij deed dat alle
+paar maanden, en het was mijn geluk, dat hij toevallig na ongeveer
+veertien dagen door het kanaal voer en bij den zendeling het anker
+liet vallen. Ik bracht hem een bezoek en besprak mijn toestand met
+hem. Hij ried mij, met hem naar Vao te varen, waar hij zijn kotter
+moest laten repareeren, wat wel een paar weken zou duren, en dan later
+met hem naar Port Olry terug te varen. Mijn bagage moest ik dan voor
+een groot deel achterlaten, maar ik kon de gelegenheid niet voorbij
+laten gaan, om uit het verloren uithoekje van het Canal du Segond weg
+te komen, en de kapitein van de "Marie Henri", het zeilschip van de
+opmetingsexpeditie, dat dikwijls naar het noorden voer, beloofde mij,
+mijn hebben en houden dan naar Port Olry mee te nemen.
+
+Terwijl wij op gunstigen wind wachtten, brak er op een nacht het
+hevigste onweder uit, dat ik ooit heb beleefd. Van zonsondergang tot
+den morgen volgde de eene donderslag op den anderen met een geweldigen
+regen; men hoorde in het woud de takken breken en men kon elkander niet
+verstaan onder het plaatijzeren dak van het huis. Stroomen vloeiden
+over den weg, en des morgens stond het huis als in een meer. De heele
+aanplanting was vernield, en het kanaal zag totaal geel.
+
+Wij zeilden weg en hadden bij den tegenwind twee dagen noodig, om op
+Vao te komen. Het is een eilandje, dat vóór Malekula is gelegen in
+het Noordoosten. Als men de doodsche kust van laatstgenoemd eiland
+voorbijvaart, is het als een openbaring van iets schoons, Vao te
+zien. Niet enkel, dat de natuur afwisseling biedt, maar vooral de
+levendigheid is aantrekkelijk. Vao is een der dichtstbevolkte eilanden
+van de Nieuwe Hebriden. Er wonen vijfhonderd inwoners op een eilandje
+van anderhalven kilometer lengte en één kilometer breedte, voldoende,
+om overal menschelijke werkzaamheid te toonen zonder overhaasting,
+op vroolijke, luchthartige wijze verricht. In deze omgeving vonden
+we hutten en haardvuren en levendige menschen, die den vreemdeling
+weer hoop en vertrouwen gaven.
+
+Ongeveer zeventig uitleggersbooten lagen aan het strand. Het waren
+boombooten, door dwarsstangen verbonden met de uitleggers, die ze voor
+omslaan behoeden. Aan de punt hebben ze een gesneden houten reiger,
+waarschijnlijk een halfvergeten totemteeken van de inboorlingen. Al
+naar de maatschappelijke positie van den eigenaar is het snijwerk meer
+of minder rijk uitgevoerd, en er wordt streng op gelet, dat niemand
+zijn boot versiert met snijwerk, dat niet in overeenstemming is met
+zijn rang en positie. Dan zijn er ook nog kleine dwarsbalkjes, die zich
+in aantal ook richten naar den stand van den bezitter. Onder afdaken
+werden in de schaduw van de woudboomen een paar groote zeilbooten
+bewaard van europeesch fabrikaat. Enkele familiën hadden die gekocht,
+om verre reizen te kunnen doen naar de grootere eilanden in de buurt,
+Espiritu Santo, Aoba, Ambrym, enz., waar ze varkens koopen. Die
+zeilbooten vervangen de lange, groote booten uit vroegeren tijd,
+oorlogsvaartuigen, waar dertig tot veertig man in konden zitten,
+en waarmee groote rooftochten werden ondernomen. Want de bewoners
+van Vao waren echte zeeroovers, die overal gevreesd werden, omdat
+ze onverwachts bij eenig dorp landden, de bewoners overvielen en
+met rijken buit terugkeerden. De europeesche invloed heeft aan die
+liefhebberij een einde gemaakt, en met den invoer van europeesche
+booten zijn de groote pirogen verdwenen en rotten ongebruikt weg aan
+het strand.
+
+In den vroegen morgen was het strand ledig, maar een paar uren na
+zonsopgang werd het druk; mannen en vrouwen baadden er, de moeders
+waschten de kinderen, en in het warme zand werd daarna gerust, tot
+het tijd was voor de vaart naar den overkant, waar op het vasteland
+de aanplantingen waren. De vrouwen schoven de booten in het water,
+jonge meisjes, slank en sterk, de moeders en oudere vrouwen wat
+onbeholpener, velen met een kind op de heupen. Uit loodsen of verborgen
+hoekjes aan den wal haalden ze zeilen van palmbast, driehoekig en in
+bamboestangen gevat, en maakten ze vast aan de booten. Daarna stieten
+ze zich af van den wal en zaten of stonden in het smalle bootje,
+dat nauwelijks plaats had, om de voeten naast elkander te zetten. De
+kleine zuigelingen zaten op den schoot der moeders of hingen op haar
+rug in bedenkelijke nabijheid van het water.
+
+De kleine flotille volgde eerst de landtong en kwam toen onder
+den invloed van den frisschen, stevigen wind, die de booten snel
+voortdreef. Tusschen tien en vijftien booten gleden over de zee,
+geelbruine vogels, waartegen de korte golven opsprongen. Een vrouw
+stuurde, en de anderen schepten met kokosschalen het water uit het
+vaartuig, een echt Danaïdenwerk. Maar gauw was het kanaal overgestoken
+en de booten werden op den veiligen wal gehaald. Een jonge man was
+bereid, ons in zijn boot te nemen en bracht ook ons naar den anderen
+oever.
+
+Smalle paden, aan weerszijden begrensd door dicht oerwoud, voeren
+ons over koraalblokken naar de aanplantingen op de hoogte. Bij eenige
+kokospalmen stond de gids stil en klauterde behendig langs den slanken
+stam naar de kroon, met de voeten steunend tegen den stam, alsof hij
+een ladder beklom. Drie zware, groene noten vielen met een plof op den
+grond. Met een paar handige meskloppen werden ze geschild en geopend,
+en de verkwikkende, zuurachtig smakende melk werd mij aangeboden als
+een geschenk aan den gast.
+
+Zijpaden leidden van den weg naar de aanplantingen. Ieder individu had
+een stuk land, waarvan hij zijn levensonderhoud betrok. Daar groeien
+vleezige bananen met groote, sappige bladeren; yams klimmen tegen
+vlechtwerk op en hebben kleurige bloemschermen, en ertusschen staan
+kokospalmen, broodvruchtboomen, roodbloeiende crotonstruiken en veel
+sterk geurende kruiden. In die groene weelde brengt de inboorling
+zijn dag door, een weinig arbeidend en veel luierend. Hij schiet op
+de groote duiven en de kleine papegaaien en nuttigt ze als welkome
+toegift bij de geroosterde yams.
+
+Tegen zon en regen waren beschuttende daken opgesteld, waar des middags
+allen samenkomen en eten en praten. Lang geleden lagen hier dorpen,
+waarvan een reusachtige, nu gebroken monoliet nog getuigt. De steen
+was vijf meter hoog en moet door ondernemende menschen van de kust
+hierheen zijn gesleept als sieraad voor een dorpsplein, misschien
+ook als monument op een begraafplaats.
+
+Terwijl des namiddags de vrouwen den voorraad voor den avondmaaltijd
+verzamelden, keerden wij naar Vao terug. De wind was heviger geworden,
+maar veilig kwamen we over en trokken nu naar het binnenland van het
+eiland. Eerst liepen de paden nog door het oerwoud, toen door een
+rietveld en daarna gingen we tusschen steenen muurtjes met rechts en
+links kleine aanplantingen. Toen werd de weg breeder; steenblokken
+stonden aan weerszijden, en we traden onder het ruime gewelf, gevormd
+door een geweldigen vijgenboom. Uit den zonnegloed kwam men in de
+diepste schaduw, uit de middaghitte in de vochtige koelte.
+
+We stonden op een wijde vlakte, die ver overschaduwd werd door de
+knoestige takken van den reuzenboom. Aan den eenen kant was de stam,
+die al zwaar genoeg was, nog versterkt door de vele luchtwortels,
+die als dikke touwen van de kroon naar den grond gaan, hier en daar
+den stam geheel bedekkend, als een vlechtwerk of als de touwen langs
+een scheepsmast. Eenige lianen slingerden zich door de takken, alsof
+reuzenslangen in een gevecht waren verstijfd.
+
+We waren op een van de offerplaatsen van Vao. De rijen steenen
+langs den weg hadden zich verdubbeld en verdrievoudigd en sloten het
+plein in. Bij den stam van den grooten boom was een steenen altaar,
+en daaromheen stonden offertafels, zware steenen platen, rustend
+op dikke steenen blokken. Een rotsblok lag midden op den weg op een
+houten slede, half onder steenpuin en aarde bedolven. Een dikke liane
+diende als sleeptouw. Een vijftigtal mannen zullen er aan getrokken
+hebben, om het zware blok van den oever naar den kleinen heuvel te
+transporteeren, en halfweg is hun de arbeid onmogelijk geworden en
+tot latere tijden uitgesteld.
+
+Rechts van het groote altaar stonden de "tamtams", uitgeholde stammen,
+die als trommels dienen. Aan het boveneind zijn ze uitgesneden als
+een menschengezicht, met breeden, lachenden mond en ronde, holle
+oogen. Scheefstaand naar alle richtingen, lijken ze spoken, die
+den beschouwer uitlachen om hun eigen grootte en de kleinheid van de
+menschen. Daartegenover stonden mansfiguren, ruw uit stammen gesneden,
+met lange lijven en overlange gezichten, vaak slechts een hoofd met
+denzelfden scheeven mond als de trommelboomen, een langen neus en
+smalle oogen. Ze waren rood, blauw en wit beschilderd en steunden
+met de hoofden reuzenvogels, met uitgebreide, lange vlerken. Dat
+waren weer reigers, zwevend, alsof ze zoo juist uit het woud waren
+komen aanvliegen.
+
+Dat was alles op de dans- of offerplaats; maar het was voldoende,
+om een diepen indruk te maken. Want als daarbuiten de zon brandt,
+als de bladeren in den wind ruischen en de wolken langs den hemel
+jagen, is het hier donker en koel als in een dom. Geen wind waait, en
+er beweegt niets. Een behagelijke stemming, een wenschloos zich laten
+gaan, een verheffende gedachteloosheid, een stichtelijk droomen worden
+gewekt door de schaduw van den reuzenboom, den zachten boschgrond en
+het groene mos, dat overal op groeit, op de steenen, de trommels en
+de idolen.
+
+Buiten straalt de zon op boomen met purperen bloemen en de roode
+gloed schijnt door het groene loover; buiten zingen de vogels, maar
+hier sluipen ze stil door de bladeren; buiten werken de menschen,
+maar hier is het eenzaam; buiten is het leven, hier heerscht onder
+den reuzenboom de gewijde stilte van een tempel. De plek zou voor
+den verhevensten godsdienst kunnen dienen; zoo zal het er hebben
+uitgezien om de steenen altaren der Druïden.
+
+Achter de dansplaats was een open ruimte in het woud, waar, tusschen
+roodbloeiende boomen, het groote mannenhuis stond. Op palen rustte
+een groot dak, dat tot den bodem reikte. Van voren en van achteren
+werd de ingang vernauwd door groote steenen platen. Dooreengeslingerde
+takken vormden een haag om het huis, en aan den eenen kant stond een
+stellage, waaraan honderden van zwijnekaken waren bevestigd.
+
+In het huis zagen we eenige vuurhaarden en primitieve bedden,
+bestaande uit een rooster van naast elkander gelegde bamboestaven,
+een nachtleger, dat een niet verwenden Europeaan toch wel hard en
+ongemakkelijk zal voorkomen. Onder het dak waren allerlei curiosa
+verborgen. Dansmaskers, merkwaardige visschen, zwijnekaken, beenderen,
+oude wapens, enz. alles met een dikke korst van roet overtrokken
+door de bijna voortdurend brandende vuren. Die mannenhuizen zijn
+een soort van sociëteiten of clubhuizen, waar de mannen samenkomen;
+ze brengen er ook wel den nacht door. Bij regenweêr zitten ze pratend
+en rookend om de vuren of knutselen aan het een of ander voorwerp.
+
+Elk geslacht of familie heeft zulk een mannenhuis, dat natuurlijk voor
+de vrouwen taboe is; op Vao zijn er vijf, in overeenstemming met het
+aantal geslachten. In de nabijheid en min of meer rondom het mannenhuis
+liggen de woonhuizen, ieder met een lap grond eromheen en ingesloten
+door een meterhoog muurtje van los op elkaar gestapelde koraalblokken,
+zoo los, dat men niet tegen de muren kan leunen. Achter de muren heeft
+men meer dan manshooge schermen aangebracht, van riet gevlochten,
+die ongewenschte blikken naar binnen verhinderen. Daar de terreinen
+dikwijls bij elkaar aansluiten, zijn de wegen ertusschen zeer smal;
+men loopt als door een steegje tusschen de steenen muurtjes en de
+rietmatten. Soms kan men bij een bocht vrouwen zien wegloopen en
+kinderen schreiend aanschouwen, want de blanke schijnt hier de rol
+van boeman te vervullen.
+
+Als men met de bewoners aan het strand een beetje vertrouwd is geraakt,
+kan men soms wel eens in de geheimzinnige woningen binnentreden,
+natuurlijk altijd vergezeld en bewaakt door een mannelijken bewoner.
+
+Men krijgt weinig bezienswaardigs te kijken; kleine hutten liggen
+binnen de omheiningen, een voor den huisheer, terwijl iedere vrouw
+haar eigen woning heeft, die ze met haar kinderen bewoont en waar ze
+meesteres is. Op de open ruimte tusschen de hutten loopen varkentjes
+rond en honden en kippen in vreedzame harmonie met kinderen en
+volwassenen.
+
+Het varken is op Vao, net als op bijna alle eilanden van Melanesië, het
+hoogst geschatte dier. Om het varken draait het denken en trachten van
+den inboorling, want door dat dier kan hij allerlei begeerenswaardigs
+erlangen. Hij kan er een vijand door uit de wereld laten helpen;
+hij kan veel vrouwen koopen; hij kan op de maatschappelijke ladder
+tot de hoogste sporten stijgen, en hij kan er zich het paradijs
+mee verzekeren.
+
+Het is dus geen wonder, dat de varkens even zorgvuldig of nog
+zorgvuldiger worden verzorgd dan de kinderen, en dat het de
+belangrijkste plicht van de oude vrouwen is, over het welzijn van de
+zwijntjes te waken. Het zijn intusschen alleen de mannelijke varkens,
+die zoo hoog op prijs worden gesteld, het vrouwelijke varken beteekent
+niets; men laat het vrij rondloopen en bekommert er zich weinig
+om; maar het heeft daardoor juist een veel prettiger leven dan het
+mannelijke dier, dat jaar uit, jaar in aan een kort touw aan een paal
+is gebonden en zich haast niet kan bewegen. Wel wordt het dagelijks
+gevoederd, doch het eten wordt hem vergald door hevige tandpijn, want
+men heeft het dier de bovenvoortanden uitgebroken. De tanden van de
+onderkaak vinden nu geen vlakte meer, waartegen ze kunnen schuren en
+groeien tot een vervaarlijke lengte, gaan een boog vormen, tot ze
+op de kaak stooten, waarna ze in het vleesch van de wang dringen,
+waar een wonde ontstaat, die maar zeer langzaam geneest. De tanden
+groeien voort en buigen buiten de kaak een tweede maal, en als het
+arme varken lang genoeg leeft, een derde maal.
+
+Die varkens met gebogen tanden zijn de trots en de rijkdom van de
+inboorlingen. Macht en aanzien richten zich naar het aantal van zulke
+zwijnen, die een man bezit en naar de grootte van hun tanden; daarom
+worden ze zoo zorgvuldig behoed en vastgehouden, dat hun maar geen
+ongeluk zal overkomen en ze nergens hun tanden breken. Rijke lieden
+bezitten een groote hoeveelheid van die dieren; anderen slechts één of
+twee, en zeer arme menschen hebben er geen enkel. Er is in Melanesië
+dus sprake van een soort van eeredienst van het varken, die men daar
+Suque noemt, en waarbij het zwijn het offerdier is, misschien omdat
+men dan het grootste zoogdier van de eilanden aan de goden afstaat,
+dus de beste uitdrukking van vereering geeft, of omdat mogelijk
+het zwijnenoffer in de plaats is getreden van het menschenoffer. De
+Suque is de vereeniging van alle mannen, die zwijnen hebben geofferd,
+een bond, die in tallooze kleine groepen is verdeeld naar districten
+en dorpen. Wie niet tot de Suque behoort, staat eigenlijk buiten het
+leven van de inboorlingen, heeft geen vrienden en mist alle geloof. Als
+knaap kan men al tot de Suque toetreden, als een oom van moederszijde
+in den naam van den neef een zwijn offert. De jongen mag dan het
+"gamal", het clubhuis van de Suque, betreden.
+
+Op Vao had ik gelegenheid, een doodenfeest bij te wonen. De man leefde
+en was gezond en wel, maar hij wou zeker wezen, dat het feest niet
+werd verzuimd na zijn dood en liet het dus al bij zijn leven plaats
+hebben. Als namelijk een man van Vao sterft, reist zijn ziel naar het
+eiland Ambrym, ten oosten van Malekula, terwijl Vao bij de noordpunt
+van dat groote eiland is gelegen. Op Ambrym is een vulkaan, die door
+de ziel in een reis van vijf dagen wordt bestegen. Halfweg op den
+tocht naar den krater zit een monster met een krabbeachtig uiterlijk
+en twee reusachtige scharen. Heeft men nu voor den overledene vóór
+den vijfden dag geen voldoend aantal varkens gedood, dan is de
+arme ziel alleen, en het monster pakt en verteert haar. Maar als
+men het offer heeft gebracht, dan draven achter de ziel aan alle
+zielen van de geofferde zwijnen, en deze eet het monster liever dan
+de menschen. De overledene kan dientengevolge ongehinderd zijn weg
+vervolgen en komt spoedig in een paradijs met veel zwijnen, vrouwen,
+dansen en eten. Op den feestdag werden geschenken naar de offerplaats
+gebracht, en in den morgen kreeg iedere familie eenige yamsknollen,
+een varken, een kokosspruitje en eenige bundels geld, bestaande uit
+opgerolde matten. Oorspronkelijk is zoo'n mat een lijkkleed, maar
+wordt na eenigen tijd weggenomen, als de lijken enkele dagen in den
+grond hebben gelegen. De groote rollen worden nu niet meer gebruikt,
+maar komen bij feestelijke gelegenheden nog voor den dag.
+
+Veel plechtigs was er niet aan het feest, waarbij de gastheer met een
+mes de vastgebonden varkens slachtte, waarna ieder man zijn geschenk
+mee naar huis nam. Niet alle feesten verloopen zoo prozaïsch, maar toch
+zal het niet lang duren, of met deze ceremoniën wordt geheel gebroken.
+
+Op Vao, met name in Atchin op het eiland, vindt men veel heilige
+vooroudershuisjes, waar een altaar wordt aangetroffen van
+steen. Daaronder ligt waarschijnlijk het hoofd van den voorvader
+begraven. Op het huis staat het beeld van een reiger, ruw gesneden
+en gedragen door een standbeeld, dat, schijnt het, den voorvader
+voorstelt. Daar de beelden in de open lucht staan en sterk verweêren,
+worden ze niet oud, en de jongere producten zijn niet met de oudere
+te vergelijken. Ik was zoo gelukkig, een oud exemplaar te krijgen van
+een ouden man, die er wel bezwaar in zag en meende, dat de voorvader
+het sterk zou afkeuren, maar ten slotte zich geruststelde met de
+overweging, dat de man al zoo lang dood was, en dat hij een zwijntje
+op het graf zou offeren, welk offer ik ook nog moest betalen. Het
+beeld was niet minder dan twee meter hoog en mooi gesneden.
+
+Trots de veelvuldige aanraking met Europeanen is de oude cultuur op
+Vao in stand gebleven, doordat de inboorlingen zoo weinig lust hebben,
+op plantages te gaan werken. Maar terwijl wij op het eiland waren
+had er een gebeurtenis plaats, die aantoont, hoe hierin verandering
+kan worden gebracht. Op een morgen lag vóór het eiland een schip voor
+anker. Een zwaarlijvig beambte van de fransche opmetingsexpeditie ging
+aan wal. Hij liet alle mannen aan het strand samenkomen en deelde hun
+mede, dat hij tegen den avond een aantal arbeiders moest hebben tegen
+goede betaling voor licht werk. Men zou hem in zijn gezicht hebben
+uitgelachen, als hij zijn verzoek in dit geval niet had ondersteund
+met de bedreiging, dat hij het eiland in geval van weigering zou laten
+ontruimen, want dat de "Société francaise des Nouvelles Hébrides"
+al voor jaren de eilanden had gekocht.
+
+De onderhandelingen duurden tot den laten namiddag, en bij
+zonsondergang stonden bijna alle beschikbare mannen op het
+strand, werden door groote roeibooten afgehaald en verdwenen in de
+avondschemering. Aan den oever bleven oude mannen achter en de vrouwen,
+die luide klaagden in aandoenlijke smart. Ook voor den buitenstaanden
+toeschouwer was het een treurig tooneel, dit wegvoeren van de beste
+krachten van een stam, die ruwe greep in het familieleven door de
+brutaliteit van het blanke ras, dat zich veel laat voorstaan op zijn
+beschaving. Men voelt geen ziekelijk medelijden met de mannen, die
+tot arbeid worden geprest, maar wel doet het bitter aan, te moeten
+zien, hoe een stuk eerwaardig oud leven en natuurlijke ontwikkeling
+wordt vernield. Het is, alsof een oud bouwwerk voor profaan gebruik
+wordt geschonden.
+
+Den volgenden morgen was het strand eenzaam. Vrouwen en grijsaards
+en kinderen misten alle vroolijkheid van vroeger, en ik besefte,
+hoe het op de andere eilanden in de buurt was gegaan, waar thans zoo
+goed als geen inboorlingen meer zijn op plaatsen, vroeger met dorpen
+bezet. In de laatste zeven jaren is in enkele omvangrijke gebieden de
+bevolking tot op een derde geslonken. Er behoeven geen vijftien jaren
+meer te verloopen, of men zal van een inboorlingenbevolking niet meer
+kunnen praten. De volgende generatie zal er weinigen meer vinden.
+
+Voor mij was die gebeurtenis het bewijs, dat ik geen bedienden op
+Vao zou kunnen krijgen; de jonge lieden, die erover hadden gedacht,
+mij te vergezellen, hadden moeten helpen, om het aantal opgeëischten
+vol te maken, zoodat ik teleurgesteld vertrok, toen de kotter van den
+pater hersteld was en wij, afscheid van het gastvrije Vao nemend,
+naar het Canal du Segond voeren, om van daar langs de oostkust van
+Espiritu Santo naar Port Olry te gaan. Daar was, in het noordoosten
+van het groote eiland, een zendingsstation, waar de honden, de katten
+en de bewaker ons kwamen begroeten, en waar ik weer gast was in het
+huis van den pater en er een interessanten tijd doorbracht.
+
+De bevolking van Port Olry, zooals de kleine haven aan den mond van
+een riviertje heet, verschilt nog al van die der andere eilanden. Ze is
+donkerder van kleur en heeft een ander gelaatstype; ook is ze grooter
+dan elders. Men moet haar als typisch melanesisch beschouwen, terwijl
+de bevolking van Vao bij voorbeeld veel polynesische elementen in
+zich heeft opgenomen. Het waren hier gespierde gestalten met nog al
+brutale gezichten, waaruit weinig intelligentie sprak. De leefwijze
+was dan ook nog zeer primitief. Kleeding en versiering waren beperkt
+tot het eenvoudigste, zoodat we hier de primitiefste bevolking van den
+archipel vóór ons hadden. De versiering bepaalde zich tot kammen, die
+groote vormen hadden en van bamboe waren gesneden, of die bestonden
+uit varkensstaarten, bevestigd aan vederschachten, die in de dichte
+haarpruik werden gestoken. Wie zich mooi wilde maken, liet het haar
+lang groeien, rolde dan de haren tot rollen op, die netjes naast elkaar
+werden gelegd, of maakte vlechtjes, die aan alle kanten langs het hoofd
+neerhingen. Met kokosolie, roet en vet werden de haren ingesmeerd.
+
+Een merkwaardige vervorming van den neus werd door beide geslachten
+in toepassing gebracht en gaf een aanblik van groote leelijkheid. Het
+tusschenschot van den neus wordt namelijk doorboord, en behalve dat
+er in de opening een houtje wordt gestoken, komt het vaak voor, dat
+men een spiraal neemt, die de neusvleugels omhoog drukt, zoodat een
+breede punt aan den neus komt, die bij mannen op hoogen leeftijd een
+afschuwelijk uiterlijk geeft. Het duurt lang, eer men aan het gezicht
+gewend is. Bovendien maken ze op dien opdringerigen neus nog roode
+strepen of een roode streep tusschen twee zwarte.
+
+Veel mooier is het, als de mannen zich kleurige bloemen in de haren
+steken. Een violette of roode bloem boven ieder oor ziet er op den
+donkeren grond aardig uit. In de oorlelletjes dragen ze spiralen
+van schildpad of vlakke plaatjes van been. Ook daaraan worden
+varkensstaartjes vastgemaakt. Als ze uitgaan, beschilderen zich de
+mannen vaak het gezicht met roet en olie, dooreengemengd. Meestal
+wordt het bovengedeelte van het voorhoofd zwart gemaakt, en ook wel
+de rug van den neus en het benedengedeelte van de wangen.
+
+De kleeding der mannen bestaat uit een breeden gordel, die laag
+afhangt, en waaraan van voren een zestal smalle matjes hangen. Vroeger,
+en nu nog op feesten, droegen ze op het kruis een merkwaardig houten
+ovaal, waarvan de beteekenis aan ethnografen veel hoofdbrekens heeft
+gekost. Men zal wel het naast bij de waarheid zijn, als men denkt,
+dat ze erop gingen zitten, want de Melanesiër gaat niet graag zóó
+op den grond zitten en gebruikt, als het kan, liefst een stuk hout,
+waar hij dan met dit kleedingstuk niet naar behoefde te zoeken.
+
+Terwijl dus de mannen een, hoewel niet mooien, maar dan toch
+interessant wilden indruk maken, worden de vrouwen door de mode
+zoozeer ontsierd, dat men eenigen tijd noodig heeft, om er niet meer
+door te worden afgestooten. Ze mogen niet veel versiering dragen en
+moeten daarentegen het haar zeer kort houden, waarvoor ze zich den
+schedel met kalk insmeren, zoodat het kale hoofd levendig aan een gier
+herinnert, vooral ook omdat de neus uitsteekt als een snavel, en de
+mond juist niet klein is. Daarbij zijn bij de vrouwen als teeken van
+het getrouwd zijn de bovensnijtanden verwijderd. De kleeding bepaalt
+zich tot een zeer klein blad, bevestigd aan een dun lendekoord. Van
+achteren dragen vrouwen en mannen altijd een bosje bladeren, knapen
+en vrouwen meestal geurige kruiden, en de mannen crotonbladeren van
+verschillende tint naar de kaste. De zeer hooge kasten mogen de donkere
+kleuren dragen. De voorraad wordt geleverd door de crotonstruiken,
+die altijd worden aangeplant om de gamals of clubhuizen.
+
+Half sieraad, half rest van een medicijn zijn de groote litteekens, die
+men hier veel ziet, het vaakst op de borst of op de schouderbladen. Men
+maakt namelijk, als geneesmiddel voor inwendige pijnen, groote sneden
+in het lichaam. Dat gebeurt door zich bij voorbeeld stijf een touw om
+de borst te binden, zoodat de huid tusschen de windingen omhoog wordt
+gewerkt. Dan kan men, zonder veel pijn te voelen, er in snijden. De
+korsten na de genezing worden steeds weer weggekrabd, totdat een dik
+litteeken is verkregen, dat als een sieraad wordt beschouwd.
+
+Bij rheumatiek neemt men een ongeveer twintig centimeter langen boog
+en bindt aan het spankoord een klein pijltje met een haarscherpe punt,
+tegenwoordig meestal een glassplinter; met dat pijltje worden fijne
+sneden in de huid geschoten, waarvan de litteekens haast niet zichtbaar
+zijn en toch fijne, dikwijls mooie patronen op de huid achterlaten.
+
+Eenvoudig als de kleeding, zijn de vormen van den eeredienst en het
+leven over het geheel. Men vindt hier niet, als op Vao, zorgvuldig
+omheinde tuinen of stemmige dansplaatsen. De huizen staan in het
+bosch verscholen, onregelmatig geplaatst om een gamal, die eenzaam
+midden op een leêge plek staat. Beelden of staande trommels ontbreken;
+eenige niet groote liggende trommels zag ik vóór een gamal.
+
+De woonhuizen zijn eenvoudig daken, zoo goed als zonder zijwanden,
+maar meestal met een voor- en achterwand van bamboe. Vaak waren ze
+in tweeën verdeeld, om een stal voor de zwijnen te hebben, als men
+er niet de voorkeur aan geeft, met de varkens samen te wonen. Eenige
+vlakke houten schotels zijn bijna het eenige huisraad, dat de natuur
+den inboorlingen niet zoo goed als klaar in de hand heeft gedrukt. Voor
+het koken heeft men verder niets noodig dan steenen, die, in het vuur
+verhit, om het in bladeren gewikkelde voedsel worden opgestapeld. Die
+steenen moeten natuurlijk vuurvast wezen; kalk kan men niet gebruiken
+en daar zulke kooksteenen in de kalkformaties volkomen ontbreken,
+moeten ze vaak van ver, van het zeestrand, worden gehaald, zoodat men
+ze zeer trouw bewaart. Vork en lepel heeft men niet noodig, en als
+mes voor het schillen van vruchten dienen schelpen of splinters van
+bamboe. Daarmee kan men niet goed naar zich toe snijden, zoodat de
+inboorlingen de gewoonte hebben behouden, alle vruchten van zich af
+te schillen, ook als ze een mes gebruiken van staal. Bedden worden
+versmaad, en men voelt zich hoogst behagelijk op eenige evenwijdig
+gelegde bamboestaven.
+
+Tegen den middag ziet men de mannen meestal bijeen in de gamal bij
+de gewichtige laplapbereiding. Laplap is het nationale gerecht van
+de bewoners der Nieuwe Hebriden, en ze brengen zeker een vijfde deel
+van hun leven door met het koken van laplap. Het werk is eenvoudig
+en gemakkelijk; men kan er net zoo heerlijk bij droomen als bij
+het naaien en breien. Vóór zich heeft men een rij bananenbladeren,
+kruiselings over elkander gelegd; naast zich eenige yamsknollen,
+die men schilt en dan op een rasp, dat is een stuk koraalkalk of een
+ruwe bladnerf, fijn wrijft. Men krijgt dan een taaie, witte brij,
+die men zorgvuldig in de bladeren inpakt. Intusschen is in een kuil
+een vuur uitgebrand en heeft de steenen tot gloeihitte gebracht. Die
+neemt men met een tang, dat is een gespleten bamboe, uit den kuil en
+legt de brij in de bananenbladeren op hun plaats, bedekt alles met de
+heete steenen, legt daarop weer een bundeltje droge bladeren en wacht
+slapend, pratend of rookend, tot het gerecht klaar is. Het is dan een
+massa geworden, die op brooddeeg lijkt en waaraan men met allerlei
+kruiderij wat meer smaak kan geven. Men giet er ook wel kokosmelk van
+geraspte kokosnoten over of mengt er kool door of vet of geroosterde
+noten, terwijl het ook heel lekker moet wezen, ze met vleeschmaden
+te vermengen. Behalve van yams kan laplap ook worden bereid van taro,
+maniok of halfrijpe bananen.
+
+Men eet hier ook veel bataten en als het seizoen daar is, de heerlijke
+broodvrucht, boven het vuur geroosterd; ook noten, bananen, ananas en
+mandarijnen. Er is haast altijd wat te snoepen, en als de inboorling
+maar wat wilde vooruit zorgen, dan behoefde hij nooit gebrek te lijden.
+
+De mannen lieten zich door onze komst weinig storen in hun werk; ze
+schoven wat ter zijde en gaven ons een blok, om op te zitten; er volgde
+een poosje zwijgen, en toen begonnen ze over ons te praten. Er was in
+de gamal al evenmin veel te zien als in de woonhuizen. Overal waren in
+het dakstroo wapens verborgen, tot dadelijk gebruik gereed, pijlen,
+bogen en geweren. De knodsen schijnen meer tot het uitgaanstenue te
+behooren en worden steeds meegedragen. Het zijn rechte stokken of ze
+zijn kromgebogen als sabels. Ze worden, anders dan de sabels, gebruikt
+met de concave zijde naar voren. Die knodsen worden op hoogen prijs
+gesteld en zijn vaak oude erfstukken. Ze worden bij elke zegepraal
+van een inkerving voorzien en die zegepralen worden bevochten door
+een vergelijking in sterkte met de knodsen van anderen. Ik heb een
+oud stuk gezien, dat zeven-en-zestig inkervingen droeg. Vroeger was
+de werpspeer in gebruik met tweehonderd-vijftig beenpunten; maar die
+is door het geweer verdrongen.
+
+De beenpunten voor speren en pijlen verkrijgt men van de beenderen van
+verwanten. Men begraaft het lijk in het woonhuis zeer oppervlakkig. Als
+het lijk vergaan is, wat in ongeveer een half jaar is gebeurd,
+graaft men het geraamte op. Den schedel laat men liggen, maar de
+beenderen worden verwerkt. Men neemt aan, dat met de beenderen ook
+de geestelijke en lichamelijke kracht op den bezitter overgaat, en
+dus zijn de beenderen van leden der hooge kasten zeer gezocht. De
+beenpunten zijn natuurlijk vol van lijkengif en veroorzaken, ook bij
+lichte verwondingen, den dood. Ook de pijlpunten bestaan uit been
+van menschen; ze worden naaldscherp geslepen, zitten maar heel los
+in de schacht en blijven bij het uittrekken van de pijl in de wond
+zitten. Die is dan vergiftigd met een harsachtige massa, waarvan de
+bereiding slechts aan weinigen bekend is.
+
+Toen wij eenigen tijd in de gamal hadden gezeten, kwam de hoogste
+van de leden der aanwezige kasten en legde ons eenige yamsknollen
+voor de voeten. Het was een gastgeschenk, waarvoor we met wat tabak
+onze dankbaarheid betuigden. De lengte van de gamal richt zich
+naar de kaste van den hoogste, die de gamal ook laat bouwen, voor
+welken arbeid hij de mannen moet beloonen met een gastmaal en kleine
+geschenken. Voor zeer hooge kasten kan de gamal de aanzienlijke lengte
+van zestig meter bereiken, en als thans die huizen ten gevolge van het
+uitsterven van de inboorlingen ook onzinnig groot lijken en meestal
+leeg staan, ze herinneren aan vroegere tijden, toen met de kaste ook
+het gevolg van iemand aangroeide. Daar hier alle mannen in de gamal
+slapen, waren ook die reuzenhuizen eens vol slapende krijgers, die er
+met hun wapens boven zich in lange rijen rustten en bij een aanval
+dadelijk voor den strijd gereed waren. Tegenwoordig zijn de lange,
+ledige, pijpenla-achtige ruimten zoo ongezellig, dat ze veelal in
+het gebruik vervangen zijn door een nieuw gebouwde, kleinere gamal,
+waar de mannen zich gemoedelijker voelen.
+
+Een man te hebben gedood, is nog altijd een eer, en met trots draagt
+zulk een held een bos van zwart en witte veêren op het hoofd, waaraan
+ieder kan zien, welk een dapper persoon vóór hem staat. In Port Olry
+waren zulke bepluimde hoofden niet zeldzaam.
+
+De vrouwen worden niet hoog gesteld, mogen niet eens in of bij
+de gamal verschijnen en moeten de velden bewerken, maar dat is
+geen zwaar werk, zooals men wel kon denken, als men ze des middags
+onder een grooten last van de velden ziet terugkomen. Ze dragen de
+veldvruchten en het brandhout op het hoofd, hebben soms een zuigeling
+op den rug en een grooter kind aan de hand. Maar tegenwoordig is zulk
+een aanblik zeldzaam, nu er zoo weinig geboorten plaats hebben. Op
+den akker bestaat het werk enkel in het verzamelen der vruchten,
+het uitgraven van de yams, en wordt opgevroolijkt door gebabbel en
+door wat te snoepen, terwijl men vaak zit uit te rusten onder een
+opgeslagen afdak, waar gepraat en gerookt wordt.
+
+Ernstig is het werk alleen in den planttijd, als het bosch gerooid
+wordt en de omheiningen om de nieuwe velden worden gemaakt. Maar dan
+helpen de mannen mee; de geslachten sluiten zich aaneen, en gezellig
+gaat de arbeid als spelend van de hand. Men beloont elkander aan het
+eind wederkeerig met maaltijden en geschenken. Het aantal vrouwen
+bedraagt in Port Olry hoogstens een vierde van dat der mannen. Daaraan
+heeft mee schuld het gebruik, om bij den dood van een hoofd al zijn
+vrouwen op te hangen, een zede, die te verderfelijker werkt, daar
+de hoofden altijd veel jonge vrouwen hebben, terwijl de jonge mannen
+zich op zijn best een oude vrouw kunnen koopen. Gelukkig heeft men die
+gewoonte daar, waar de zendelingen en de planters hun invloed kunnen
+doen gelden, afgeschaft, vooral door het beroep op de jonge mannen,
+dat ze zich zelven daarmee het meest schaden. De vrouwen waren er
+echter niet mee ingenomen; velen wenschten den dood, daar ze anders
+door de ziel van den ontslapen echtgenoot zouden worden verontrust.
+
+Daar ik nog geen bedienden had, kon ik niet veel ondernemen in de
+dorpen van het binnenland. Ik hield mij meest op het zendingsstation
+op, waar de inboorlingen zich veel vertoonden, zoodat ik altijd
+menschen om mij heen had, op wie ik mijn studiën kon voortzetten. Ik
+gebruikte bij voorbeeld de gelegenheid, om metingen te doen en moest
+dan van de goede stemming gauw profiteeren. Als de toeschouwers de zaak
+belachelijk vinden, is ze verloren, want dan wil niemand er zich voor
+leenen. Het staat er al beter voor, als er vrees voor geheime tooverij
+in het spel is, want dan kan men met een geschenk en overreding nog
+wel eens moed en vertrouwen doen ontstaan. Maar het allerbest is bij de
+objecten het gehuichelde begrip van wat er gebeurt voor de wetenschap,
+of wel algeheele onverschilligheid, die zich zonder verder nadenken
+als object presenteert en dan met een munt of tabak getroost naar
+huis gaat, hoofdschuddend over de vele dwaasheden van de blanken.
+
+Eens had ik bij mijn veranda een flink aantal jonge mannen bijeen
+en begon met het werk. Daar verscheen plotseling een heer Fusil,
+een spraakzaam Franschman, die zich sedert eenige dagen in de buurt
+met den varkenshandel bezig hield. Ik was juist bezig met Paul, een
+vroegeren leerling van de zending, die mij al vaak was opgevallen om
+zijn onberispelijken bouw en zijn fluweelzachte huid. De heer Fusil
+trad op hem toe en gaf hem een hevigen slag op de borst met de woorden:
+"Jij hebt mij mijn varken ontstolen!"
+
+Negen van de tien inboorlingen zouden zich dat waarschijnlijk hebben
+laten welgevallen; maar Paul, die heel sterk was, zooals hij pas
+aan den dynamometer had bewezen, draaide zich om en maakte zich
+klaar, om te vechten. Dat had de heer Fusil blijkbaar niet verwacht;
+hij trok een mes uit zijn mouw en redde zich met een paar sprongen
+op de veranda van het huis, die voor de inboorlingen taboe was. Er
+ontstond een algemeen oproer. Beneden woedde de opgewonden menigte,
+Paul aan het hoofd, en wou de veranda bestormen. Ik kon Paul slechts
+met moeite ervan af stooten, en boven balde de heer Fusil zijn vuisten
+en uitte zijn woede in veel krachtige woorden.
+
+Op het rumoer kwam de pater uit het huis en kon de gemoederen
+eenigermate tot rust brengen, behalve Paul, die van woede schreide
+en aanhoudend er bij den heer Fusil op aandrong, van de veranda af
+te komen. Eindelijk gelukte het, gewaar te worden, waarover de twist
+liep. Fusil beschuldigde Paul, die hem een varken had verkocht, en
+misschien terecht, dat deze de touwen na de betaling had doorgesneden,
+zoodat het zwijn weer naar huis was geloopen. In plaats van het dier
+had de heer Fusil toen een inboorling aan boord gelokt en dreigde,
+dien op een plantage te verkoopen, als hem het varken of de koopsom
+niet weer werd teruggegeven.
+
+De pater verklaarde, dat hij in dezen niet veel kon doen en vermaande
+de partijen tot vrede, natuurlijk te vergeefs. De heer Fusil rende op
+de veranda op en neer als een roofdier in een kooi en spuwde venijn,
+en Paul volgde hem beneden en daagde hem uit, den twist met hem aan
+het strand uit te vechten. De Franschman schimpte, dat hij dat om
+zijn eer niet kon doen, en hij had gelijk, want hij zou stellig
+duchtig geranseld zijn. Dat tooneel duurde zoowat een half uur,
+waarin de heer Fusil door alle zwarten werd bespot. Om dien voor het
+prestige van de blanken zoo verderfelijken toestand te doen eindigen,
+liet de pater, daar de inboorlingen toegaven, dat de heer Fusil een
+varken was ontstolen, het dier vervangen, waarna ook de onschuldige
+gevangene uit de boot aan land werd gezet. Toen verwijderde de pater
+Paul van het tooneel, en de heer Fusil werd veilig naar het strand
+begeleid, van waar hij spoedig al schimpend het ruime sop koos.
+
+De inboorlingen trokken zich tegen de schemering terug, beladen met
+een vracht vermaningen van den pater, maar innig pret hebbend in den
+streek. Mijn meten was leelijk in de war geraakt, wat de schuld was
+van den heer Fusil, maar die zal wel niet gauw weer zwijnen koopen
+in Port Olry.
+
+Hoe nietig deze quaestie ook was, ze is een voorbeeld van de manier,
+waarop conflicten ontstaan. Zakelijk en kalm had de twist kunnen worden
+beslist, als de heer Fusil niet zoo tactloos was opgetreden. Het zou
+bij een anderen blanke zeker niet zijn gebeurd, want de inboorlingen
+weten precies, wien ze voor hebben. Gelukkig had ik de volgende dagen
+ruim gelegenheid, mijn metingen en het photografeeren in te halen.
+
+Ik was al ongeveer drie weken in Port Olry en keek iederen dag
+met zielsverlangen uit naar de "Mary-Henry", die mijn bagage
+zou brengen. Ik had alleen het volstrekt noodige bij mij; mijn
+wetenschappelijke uitrusting had dringend behoefte aan aanvulling,
+en mij ontbraken de dingen, die mij moesten helpen bij het prepareeren
+en conserveeren van zoölogische voorwerpen. Ik had hier een rijk veld
+voor verzamelen, vooral vogels waren in veel soorten aanwezig. Het
+schip kwam eindelijk; maar mijn bagage bracht het niet mee. Die
+was vergeten. Mijn teleurstelling was groot, en ik zag geen kans,
+de zaak vlug te verhelpen.
+
+De Mary-Henry voer naar Talamacco, en de pater en ik maakten van de
+gelegenheid gebruik, om mee te gaan, hij, om zijn collega te bezoeken;
+ik in de hoop, daar bedienden te vinden. Aan boord was ook de heer
+F., een engelsche planter uit Big Bay. Hij was een vriendelijke,
+altruïstische heer en beloofde mij, al zijn invloed aan te wenden
+bij de inboorlingen, om mij helpers te verschaffen voor mijn tochten.
+
+Bij dof regenweêr gingen we met het groote zeilschip zuidwaarts,
+en, bij het reizen met de kleine kotter vergeleken, was dit een
+verbetering, nu er een flinke hut aanwezig was, en men behalve
+stoelen ook een tafel, in plaats van kisten als plaats voor den
+maaltijd, ter beschikking had. De vierde passagier was een officier
+van de opmetingsexpeditie, een interessant mensch van weldoende
+natuurlijkheid. De kapitein was een echte zeerob, blijmoedig en
+ruw. Hij zorgde ervoor, dat de flesschen op tijd werden geleêgd en
+dat de conversatie niet in al te hooge sferen belandde.
+
+Den volgenden morgen landden we bij Talamacco in Big Bay. De pater
+ging naar zijn collega, en de officier en ik wierpen ons anker uit
+in het huisje van den heer F. Het regende in stroomen. Den volgenden
+dag werd een opzichter of moli van mijn gastheer erop uitgezonden,
+om arbeiders voor mij te zoeken, en gelukkig kwam hij met eenigen
+terug, van wie vier bereid waren, zich voor twee maanden bij mij te
+verhuren. Ik was overgelukkig en bracht den kostbaren buit dadelijk
+op het schip, opdat ze zich niet zouden bedenken en wegloopen.
+
+Bij de heeren Th., jonge mannen van goede australische afkomst, die een
+kokosplantage op Talamacco hadden, woonden we een offerfeest bij van
+de inboorlingen. We moesten toen verscheiden uren door het oerwoud
+marcheeren. Mijn mannen hadden zich allen in Zondagsdos gestoken
+en hadden broeken en hemden aan van kleurig katoen. Het haar boven
+het voorhoofd was met houtasch bestreken, en een paar hadden zich
+zelfs geschoren.
+
+"Well, boys, are you ready?"--"Yes, Master!" klonk het overtuigd;
+maar daarbij werden de lasten nog samengebonden. Er werd een poosje
+gewacht, en toen klonk het: "Well, me me go."--"All right, you go",
+is het antwoord. Ze leggen een paar schreden af en wachten dan
+weer. Eén komt aan de hut en zoekt een stok, om zijn pak te dragen,
+de andere zoekt een deken. Maar ten laatste gelukte het, met een
+kwartier verlating af te marcheeren, wat ook niet zoo erg is, daar
+geen spoortrein op ons wacht.
+
+De inboorlingen juichten en lachten, maar spoedig waren we in het woud,
+waar het donker was en stil, en waar allen zwegen. Op een nauwelijks
+zichtbaar pad ging het uren lang verder door de overal gelijke dichte
+woudzee, waar we ons door de golven van plantengroei met het mes een
+weg moesten banen. Eerst tegen den avond bereikten we de plantage
+van de heeren Th., waar rust en een maal ons wachtten. Maar verder
+moesten we nog door den nacht, die donker was zonder maneschijn. De
+bedienden hadden fakkels gemaakt van palmbladeren, die ze door zwaaien
+in gloed hielden.
+
+Na korten tijd hoorden we geluid in de verte, de trommels van de
+feestplaats, die we al spoedig door den glans van de vuren konden
+vinden. Een groep van mannen viel ons het eerst op. Ze stonden in
+een kring om een groot vuur, en wij aanschouwden een warreling van
+knodsen, geweren, vederbossen, zware haarpruiken, ronde hoofden en
+heftig bewegende armen. Een onregelmatig jodeln en gillen en fluiten
+klonk uit de menigte; dan liet zich een eentonig gezang hooren,
+waarbij de maat met den voet werd gestampt. Allen deden geestdriftig
+mee, en het zweet gudste hun langs de borst neer.
+
+Dit waren de gasten; zij, die het feest gaven, stonden op zij bij
+een stellage, waarop yamsknollen lagen. De mannen liepen langzaam
+om dat altaar heen. In hun handen droegen ze zware bamboekokers,
+waarmee ze in de maat op den grond stampten, zoodat een dof, dreunend
+geluid ontstond. Ze zongen een eentonige melodie, door een voorzanger
+ingezet. Daarbij sprongen ze in de maat van den eenen voet op den
+anderen, langzaam en veêrend. Aan de beide kanten van dien kring
+van dansenden stonden de vrouwen in Eva's costuum en over het heele
+lichaam ingesmeerd met roet. Aan het slot van de mannengezangen zongen
+ze het refrein mee, en dansten ook. Nu en dan sloot er zich een vrouw
+bij de mannen aan en danste met hen.
+
+Het geheel maakte een indruk van vreemde romantiek, van woestheid
+en hartstocht; maar het was prachtig door het roode licht, dat op de
+naakte, glanzende lichamen viel. Niets was anders zichtbaar tusschen
+hemel en aarde in den donkeren nacht, niets dan die rood beschenen
+groepen van een tweehonderd menschen, die zich onbezorgd aan hun
+vermaak overgaven, zich niet bekommerend om den volgenden dag. Het
+feest duurde zonder alcohol den geheelen nacht. De menigte werd
+steeds hartstochtelijker, de dans doller, en het gezang luider. We
+stonden ter zijde, niet in staat, mee te voelen, wat het vermaak van
+die lieden was, wat hen tot zulk een inspanning aanzette, als in een
+zonderlinge, voor ons gesloten wereld.
+
+Een dikke, oude man bleef bij ons en nam de honneurs waar. Ik lette
+weinig op hem, tot mijn bedienden mij zeiden, dat dit de "big fellow
+master" was, het hoofd, die het feest gaf en die morgen door het
+offeren van de varkens een zeer hooge kaste zou bereiken. Toen kreeg
+hij natuurlijk een handvol tabaksrolletjes, en even natuurlijk vroeg
+hij om meer, namelijk om mijn goede, trouwe pijp. Dat verzoek kon ik,
+ook weer natuurlijk, niet inwilligen. Om hem niet te beleedigen, zei
+ik hem, dat de pijp taboe was, en daar hij als hoofd de heiligheid
+van het taboe in de eerste plaats had te eerbiedigen, knikte hij
+begrijpend en was tevreden gesteld. Ik beloofde hem dan nog, morgen
+op zijn eeredag tegenwoordig te zijn en nam afscheid.
+
+Het was niet te vroeg, want nauwelijks waren we op de plantage
+teruggekeerd, of er brak een hevige regen los. Het zal zoowat vier
+uur in den morgen zijn geweest.
+
+Den volgenden dag gingen we opnieuw naar de feestplaats. Het regende
+nog steeds, en van de struiken veegden we de droppels, zoodat we
+in korten tijd doornat waren. Terwijl dat op zichzelf al niet heel
+geschikt is, om iemand in feeststemming te brengen, kon wat we
+zagen, dat evenmin doen. Om het plein in het natte woud stonden
+en hurkten de inboorlingen in groepen, beverig en katterig. Bij
+een paar vuren trachtten ze zich te warmen, maar zonder veel
+gevolg. In verveling keken ze ons zonder een woord aan en lieten
+ons voorbijgaan. Eenige vrouwen hadden zich van groote bladeren
+regenschermen gevlochten, vlakke schijven, die ze op de onbehaarde
+hoofden lieten balanceeren. Het zwartsel van de feestdracht had de
+regen totaal afgewasschen. De feestplaats was verlaten. Een troep
+blaffende honden sprong als gewoonlijk op ons toe, eenige kinderen
+speelden in het slijk, anders was er niets te zien.
+
+Wat we des avonds niet hadden kunnen zien, was nu zichtbaar, namelijk
+de gamal of het mannenhuis, waarvoor als zuilen eenige met wilgenloof
+omslingerde palen stonden. Zoowat ieder half uur bracht een man een
+varken aan een touw op het plein. Daar sommige van die dieren met de
+gewonden tanden heel kwaadaardig zijn, waren er wel eens twee mannen
+noodig, om het varken vast te houden. Het hoofd danste herhaaldelijk
+om het dier heen en ging dan de gamal binnen.
+
+Het valt niet gemakkelijk, zich telkens het noodige aantal zwijnen te
+verschaffen, om in een hoogere kaste te worden opgenomen. Men leent
+ze vaak, en nu bestaan er talrijke amuletten, die den zoekende bij
+zijn vragen kunnen helpen. Meestal zijn dat vreemd gevormde steenen,
+vaak ook kleine varkentjes, uit zachte tufsteen gesneden, die men in de
+hand of in den gordel draagt, om de harten milddadig te stemmen. Zulke
+amuletten erft men dikwijls, en ze worden voor groote sommen gekocht.
+
+De heele namiddag ging ermee heen, eer alle varkens omdanst waren. Wij
+brachten den tijd meestal in de open lucht rillend door, wat we nog
+verkozen boven het oponthoud in de hut. Daar toch lagen schots en
+scheef over elkander in de ongemakkelijkste houdingen de dansers
+van den vorigen avond te snorken. Anderen klappertandden van kou,
+en weer anderen keken grimmig in het rond. Er werd ons een eereplaats
+aangeboden op een dwarshout, en daar zou het wel goed zijn geweest,
+als niet een bevende oude man zich, als om warmte te zoeken, tegen
+mij had aangedrukt en in zijn halve sluimering zijn met olie gedrenkt
+hoofd op mijn schouder wilde leggen, en het alleronaangenaamst waren
+myriaden vlooien, waarvoor ik mij eerst veel te laat door de vlucht
+uit de voeten maakte.
+
+In den namiddag waren ongeveer zestig varkens vastgebonden. De hoofdman
+nam een ouden geweerloop en sloeg den dieren den schedel in. Honden
+en menschen vielen op de stuiptrekkende slachtoffers aan; de honden
+likten het bloed op, de menschen droegen brokken mee naar huis, en de
+gastheer, de "big fellow master", kon het hoofd eenige duimen hooger
+dragen, al was het feest in den echten zin in het water gevallen;
+wij gingen druipnat door het druipende woud naar huis en trokken zoo
+spoedig mogelijk droge kleeding aan.
+
+Vroeger werden bij dergelijke gelegenheden ook menschen opgegeten,
+om de feestelijkheid te verhoogen. Het laatste kannibalenmaal
+was in deze streek in het jaar 1906 gehouden en had de volgende
+aanleiding. Verscheiden jonge mannen liepen als altijd met hun
+geladen en gespannen geweren door het bosch, de een achter den
+ander. Daarbij ging het geweer af van een jongen knaap, die geen
+vrienden en verwanten had, en doodde zijn achterman, den zoon van een
+invloedrijk inboorling. Allen waren het erover eens, dat er van een
+moordplan geen sprake was, maar dat alleen een ongelukkig toeval in
+het spel was. Niettegenstaande dat verlangde de bedroefde vader een
+aanzienlijke som van den armen jongeling, die ze zelf niet kon betalen
+en wien niemand de verlangde zwijnen wilde leenen. Daar de vader
+dreigde en aandrong, vluchtte de jongen naar een naburig dorp. Daar
+werd hij wel vriendelijk opgenomen, maar in het geheim stuurden de
+menschen een boodschap naar den vader en verzochten instructies,
+wat ze met den jongen man moesten doen. Het antwoord luidde: "Straf
+hem met den dood en eet hem op!" De dorpelingen gaven toen een groot
+feest ter eere van hun lieven gast, en sloegen hem daar met een bijl
+dood, om hem daarna naar den eisch te braden.
+
+Ik keerde naar Port Olry terug, waar ik den pater niet meer
+aantrof. Hij was op een voorbij varend schip weer naar een anderen
+collega gereisd, daar zijn beroepsplichten hem veel vrijen tijd
+lieten. Hij bezette namelijk in Port Olry op Espiritu Santo een
+verloren post, daar de inboorlingen van de zending niets wilden weten,
+al stonden ze er niet bepaald vijandig tegenover. Maar een innerlijke
+behoefte aan bekeering voelden ze niet, en daar de arme katholieke
+zending hun geen groote voordeelen kan aanbieden in tegenstelling tot
+de rijkere presbyteriaansche missie, zagen ze geen reden, waarom ze
+hun oud geloof zouden opgeven. De goede pater leefde hoogst eenvoudig
+in een bouwvallig huis met een oud echtpaar uit Malekula.
+
+Bij de afwezigheid van den pater verliep het leven als gewoonlijk. Ik
+bezocht de dorpen, verzamelde schedels of ging op de jacht of
+uit visschen. Paul en een vriend verkochten mij een paar aardige
+varkentjes, waarvan het eene dadelijk in den kookpot verhuisde. Den
+volgenden dag kwam een schuchtere man en beklaagde zich bij mijn
+bedienden, dat Paul de zwijntjes van hem had gestolen.
+
+"Natuurlijk weer Paul", dacht ik en ijlde naar het dorp met het
+stellig voornemen, hem eens duchtig de waarheid te zeggen. Ik vond
+hem in de hut, languit voor het vuur uitgestrekt. Hij bekende in
+de grootste openhartigheid, dat hij wel zelf de dieren niet had
+gestolen, maar ze voor zijn vriend, die ze had weggenomen en die
+de Biche-la-mar of vreemde taal niet kon spreken, had verkocht. Ik
+vond zijn kalmte daarbij zoo opmerkelijk, dat het mij bijna speet,
+de koopsom, wat tabak, weer terug te vorderen. Hij gaf die gewillig
+af, en toen zetten de dief en de bestolene zich samen aan het vuur
+en bespraken het geval rustig en zakelijk, alsof ze er niet zelf
+bij betrokken waren. Ik keerde toch onbevredigd terug en wist niet,
+of Paul zeer naïef of uiterst slim was.
+
+Eenige dagen later klaagde een inboorling, dat zijn broeder ziek was,
+en of ik hem medicijn wilde geven. Ik kreeg eindelijk zooveel uit hem,
+dat de patiënt een gezwollen lijf had en vernam toen ook de oorzaak,
+namelijk dat hij acht dagen geleden op een doodenmaal alleen een heel
+vierdepart van een varken had opgegeten. Men wou dat echter niet als
+de oorzaak van de ziekte erkennen; maar men hield stijf en sterk vol,
+dat hij door den een of anderen vijand was vergiftigd.
+
+Ik gaf den man calomel met de aanwijzing, het den zieke dadelijk te
+brengen, want het moest gauw gebeuren. Maar de man verpraatte zijn
+tijd; het werd nacht; hij durfde niet alleen door het bosch te gaan
+en sliep aan de kust. Den volgenden morgen stierf de zieke. De bode
+haalde de schouders op en zei, dat het nu eenmaal zoo was.
+
+De dood maakte natuurlijk de vergiftiging tot zekerheid, en daarom
+werd het lijk niet begraven, maar in de hut op een baar gelegd met
+al zijn sieraden. Om hem heen zaten de vrouwen.
+
+Een afschuwelijke reuk vervulde al spoedig de hut, waar de vrouwen
+nog tien dagen lang bij het rottende lijk in een wolk van vliegen
+moesten verblijven. Ze verbrandden daarbij sterk riekende kruiden,
+en om de vloeistoffen te laten wegloopen uit het bewoonde gedeelte
+van de hut, werd dwars erdoorheen een goot gegraven.
+
+Neus en mond van den doode waren met aarde en kalkbrij dichtgemaakt,
+misschien, om de ziel in het lichaam te houden. Om het lijk maakte men
+in de hut een miniatuurhuisje van bamboe en liet het daarin vergaan.
+
+In de naburige gamal zaten de mannen, boos en wraakzuchtig, en zinden
+op oorlog. Die brak dan ook spoedig uit na mijn vertrek en stelde
+den zendeling aan groote gevaren bloot.
+
+De heeren Th. hadden de vriendelijkheid gehad, mij uit te noodigen
+voor een tochtje naar Maevo, het noordoostelijkste eiland van de
+groep. Nadat we verscheiden dagen op goed weer hadden gewacht,
+voeren we eerst naar Aoba, waar we den nacht doorbrachten; toen
+langs de kust, waar we niet minder dan twaalf werfschepen zagen,
+die natuurlijk ieder minstens een half dozijn inboorlingen aan boord
+hoopten te krijgen. Als men bedenkt, dat dit meer dan een half jaar
+zoo voortduurt, en dat alleen die inboorlingen zich verhuren, die om
+de een of andere reden zich te huis niet meer op hun gemak voelen,
+zal men inzien, dat de niet meer talrijke bevolking der betrekkelijk
+kleine eilanden niet aan de behoeften van de planters kan voldoen.
+
+Met een flinke vaart voer de kleine kotter door het kanaal tusschen
+Aoba en Maevo. In een kouden regen wierpen we het anker uit bij
+Naroworo. Na de gebruikelijke dynamietontploffing brachten we
+eenige arbeiders aan land, die hun jaar bij de heeren Th. hadden
+uitgediend. Een deel van hun loon hadden ze in goederen omgezet,
+en nu versierden ze zich met al die heerlijkheden, om zich aan de
+hunnen voor te stellen in volle pracht en staatsie. Splinternieuwe
+broeken, prachtige witte tricothemden, kleurige dassen, elegante
+hoeden, schoenen, die hun het loopen moeilijk maakten, en, groote
+parapluies. Ze zagen er beklagenswaardig uit in dien staat, want ze
+voelden zichzelven ongemakkelijk in de ongewone kleeding en hadden
+veel moeite, die behoorlijk aan te trekken. Tegen den middag kwamen
+vrienden en bloedverwanten aan de kust, om hen af te halen. De
+ontvangst was aan weerszijden merkwaardig koel; nauwelijks groette
+men elkander, en het leek, of men elkaar pas gisteren had gezien. Met
+meer belangstelling werd de inhoud van de kist onderzocht, die ieder
+arbeider meekrijgt, en waarin de rest van de goederen wordt geborgen,
+die hij niet aan het lijf kan hangen, lampen, petroleum, katoen,
+messen en dergelijke dingen. Meestal worden die koffers door de lieve
+verwanten al aan de kust geplunderd, zoodat de man weinig loon voor
+zijn arbeid krijgt. Hier echter liet men den schat intact en droeg
+de zware kisten de bergen in. Zonder een plechtig afscheid van hun
+meester slopen de arbeiders achter hun bezitting aan. Dat en de koele
+ontvangst zijn hier zoo de étiquette.
+
+Maevo is beroemd om de mooie vlechtwerken, die er vervaardigd
+worden, kleine en groote matten van pandanenbladeren, vaak prachtig
+gemaakt. Eenige vrouwen hadden er verscheiden voor ons uitgespreid,
+en we konden een groot aantal koopen. Overigens wordt er weinig moois
+op Maevo vervaardigd, en houtsnijwerk ontbreekt geheel.
+
+De bevolking verschilt van die van Santo, en de zeden zijn er
+anders. De mannen dragen niets dan een bosje bladeren voor het lijf;
+de vrouwen een dergelijke rij matjes als op Malekula. Het viel mij op,
+hoeveel lang krullend haar men er ziet, meestal samengaand met een
+nog al lichte huidskleur. Ook zijn hier de vrouwen groot en geneigd
+tot zwaarlijvigheid. Eenige mannen waren ook forsch gebouwd en hebben
+haakneuzen, wat op polynesische bloedmenging kan wijzen. Naast dit
+type vindt men er een kleiner, donkerder, met kroeshaar als van
+negers. Dat is het melanesische type.
+
+In het kalkgesteente, dat de kust der eilanden vormt, zijn verscheiden
+holen, waar de inboorlingen thans nog voor een deel slapen, als ze aan
+de kust komen. Een ervan was zeer diep, en de zwarten waren er bang
+voor en wilden ons niet begeleiden bij ons bezoek, daar gebracht. We
+vonden er niets anders dan vleermuizen, die bij de storing ons om
+het hoofd vlogen. De andere holen waren niet anders dan overhangende
+rotsen. Ik groef er in de vuurplaatsen, of ik er mogelijk steenen
+werktuigen zou kunnen vinden; maar de haarden waren maar oppervlakkig,
+en ik haalde er slechts wat splinters van schelpen uit.
+
+Op een dag ondernam ik een tocht dwars door het eiland, dat daar
+heel smal is. Mijn bediende uit Santo was vreesachtig en waarschuwde
+mij, dat de menschen van Maevo niet te vertrouwen waren. Hij wou
+volstrekt wapens meenemen, en om hem gerust te stellen, liet ik hem het
+jachtgeweer dragen. Hij belastte zich nog bovendien met een heele doos
+patronen en was dus van plan, zijn leven duur te verkoopen. Natuurlijk
+hadden we de wapens niet noodig; de menschen waren allen vreedzaam en
+gastvrij, al hadden ze nooit blanken gezien. Voor de handelaars heeft
+het aan copra arme eiland geen belang, en het klimaat is zoo vochtig,
+dat de zendelingen zich allen na korten tijd moeten terugtrekken om
+hun rheumatiek. Nu bezoekt telkens een zendeling van de melanesische
+missie het eiland voor een paar weken in het jaar en laat voor het
+overige het werk in handen van de inlandsche onderwijzers.
+
+De weg was steil, en mijn boy kreeg de straf voor zijn onredelijke
+vreesachtigheid door de zwaarte van de patronen. Ik genoot van de
+schilderachtige uitzichten. De flora was veel rijker dan op Santo,
+en de bergachtigheid riep prachtige landschappen te voorschijn. Van
+de pashoogte, die wij in ongeveer drie uren bereikten, hadden
+we door het woud een heerlijk gezicht op den Stillen Oceaan, de
+eindelooze watervlakte, die ik in San Francisco eens uit het Oosten
+had bewonderd. Het ging nu steil naar beneden, en kleine beekjes
+vergezelden ons op ons pad. Liefelijke watervalletjes waren overal
+tusschen de kleurige planten te zien, en zooals de beide knapen,
+die met ons gingen als gidsen in hun bruine naaktheid met de roode
+bloemen boven ieder oor, zich onder den straal plaatsten en het
+afkoelende water in den mond opvingen, schiepen ze een tooneeltje,
+dat mij nooit uit de herinnering zal gaan. Men is bij zoo'n gelegenheid
+teleurgesteld, dat de kleurenphotografie nog niet practisch bruikbaar
+is, of ook dat men met de camera te laat komt, want tot poseeren kan
+men de inboorlingen natuurlijk niet brengen.
+
+De menschen in het dorp waren zeer vertrouwelijk, en brachten mij hun
+schatten, matten, wapens, banden van schelpen en varkenstanden. In
+de buurt van de huizen waren de goed onderhouden dansplaatsen,
+en verder in het bosch stonden manshooge monolieten, resten van een
+vroegeren eeredienst, dien het tegenwoordige geslacht niet meer kent,
+maar waartegen ze nog eerbiedig opzien.
+
+Bij den terugkeer naar de westkust vond ik in een dorp de
+arbeiders, die wij hadden teruggebracht. Enkelen waren nog in hun,
+nu vuil geworden, feestdracht; de anderen hadden zich weer aan het
+nationale costuum gewend, den eenvoudigen katoenen lendenband. Het
+bladerbundeltje was hun toch te primitief. Ze waren juist aan de
+voorbereiding van kawadrinkerij en begonnen al aardig vroolijk te
+worden. Men drinkt hier kawa als wij bier, dus als men er lust in
+heeft, en de gelegenheid zich voordoet. Van de oude plechtigheden
+bij gebruik en bereiding van den drank is niets overgebleven. De
+wortel wordt met scherpe koralen geraspt en de vezels met water
+gekneed. De dunne brij wordt door de scheede van een palmblad in een
+kokosschaal gegoten en smaakt naar zeepwater met pepermunt. Ze brandt
+in den mond, zoodat de drinkers telkens met kokosmelk spoelen voor
+de verzachting. De uitwerking bij overdadig gebruik is een slaperig
+tevreden stemming en een lam gevoel in de beenen.
+
+Nadat we ons nog een paar dagen aan de kust hadden opgehouden en
+daarbij twee inboorlingen hadden kunnen recruteeren, voeren we naar
+huis, waar we door de beide honden van de heeren Th. met stormachtige
+blijdschap werden begroet.
+
+Zooals afgesproken was, verwachtten mij mijn boys met de kleine
+roeiboot van den pater in Hog Harbour. Wij voeren langs de kust
+naar Port Olry, waar na een paar dagen een van de broeders Th. weer
+verscheen. Hij deed een toer om Santo en bood mij aan, mij naar
+Talamacco mee te nemen. Ik nam van mijn gastheer, pater B., weemoedig
+afscheid, want wij waren in de bijna twee maanden, die ik in zijn huis
+had mogen doorbrengen, vrienden geworden, en ik geloof, dat hij zijn
+hernieuwde eenzaamheid niet juist met genoegen tegemoet zag. Ik heb
+hem, helaas, niet meer gezien. In Port Olry en Hog Harbour is het later
+zeer woelig geweest; maar de pater is er niet het offer van geworden.
+
+In Talamacco ontving de heer F. mij weer gastvrij en ruimde voor mij
+een huis in, dat hij eens voor zijn jonge, kort geleden gestorven
+vrouw had laten bouwen. Hij heeft mij gedurende mijn verblijf van
+twee maanden de grootste vriendelijkheden bewezen en mijn studiën
+naar vermogen gemakkelijk gemaakt.
+
+Daar er in de naaste omgeving niet veel interessants was te zien,
+besloot ik, een reis naar Centraal Santo te ondernemen. Ik besprak
+het plan met den heer F., die mij zijn opzichter, den moli, voor den
+tocht ter beschikking stelde. Deze zorgde voor dragers en beloofde,
+op reis toezicht op hen te houden. Ik heb veel dienst van hem gehad,
+vooral omdat hij met bijna alle hoofden van het binnenland bekend was,
+en ik mij in alles op hem kon verlaten.
+
+Na een lange regenperiode was er een heldere dag gekomen, waarop wij
+na een vaart van drie uren bij de monding van de Jordaan aan wal
+gingen. De dragers droegen de bagage aan land en trokken toen met
+geschreeuw en druk gepraat de boot in het struikgewas en dekten ze met
+takken toe. Over een paar dagen zou de boot door andere inboorlingen
+weer naar haar plaats worden teruggebracht.
+
+Wij trokken ons terug in de schaduw van het oerwoud en kookten ons
+middagmaal, een taak, waar de dragers zich met ambitie aan wijdden. Er
+was rijst en voor ieder, om de geestdrift voor de onderneming aan te
+wakkeren, een teugje absinth. Ik liet toen de bundels snoeren en de
+negen dragers braken op met den moli aan de spits. Eerst ging het door
+de vlakte, die de Jordaan gevormd heeft met bergpuin; we lieten de
+rivier westelijk liggen en marcheerden in zuidoostelijke richting. Na
+een uur traden we uit het woud in een moerassige vlakte, wat op Santo
+iets zeldzaams is; het riet was er meer dan van manshoogte. Tegen
+de schemering moesten we door het bosch ons op een door den regen
+glibberig pad omhoog werken naar een overhangende rots, waar we den
+nacht zouden doorbrengen. We waren er droog; het schijnsel van de
+vuren reikte niet ver en zette slechts de naaste omgeving in een rood
+licht. De zwarten moesten zich wegens watergebrek met thee en beschuit
+tevreden stellen, daar we geen rijst konden koken. Ze gingen al spoedig
+slapen op een legerstede van bebladerde takken naast het glimmende
+houtvuur. Ik las nog korten tijd en bluschte toen de lantaarn.
+
+Des morgens moesten de dragers zich met droge beschuit vergenoegen;
+er was nog juist zooveel water, dat ik een kop thee kon krijgen. De
+moli was den weg kwijt, en eerst na lang zoeken kwamen we weer op het
+goede pad. Het was een eentonig dringen door de struiken, ontwarren
+van lianen en omtrekken van al te dichte gedeelten. Gelukkig stieten we
+op bamboeboschjes, die water leverden voor mijn dorstige dragers. Ook
+vulden we ons vaatwerk en kookten thee. Over een oneffen plateau
+vervolgden we onzen weg, en na een half uur troffen we een goed
+onderhouden aanplanting van yams en weldra een ontgonnen gedeelte,
+waar bataten, yams en kawa werden gekweekt. In de nabijheid van het
+dorp verzamelde ik mijn troep en in een net gelid trokken we het
+dorp binnen.
+
+Hoewel de bewoners vriendelijk gezind heetten, kon ik toch bemerken,
+dat mijn mannen zenuwachtig waren. Ze grepen hun wapens ostentatief
+vast en bleven dicht bij elkander. Op een plein stond het mannenhuis,
+een lang en laag gebouw met rieten dak, rustend op den grond. In de
+donkere, vochtige ruimte lag maar een enkele man, die door lepra een
+voet had verloren. Met moeite stond hij op en deelde aan den moli mee,
+dat de beide hoofden in een naburig dorp bij een feest waren, en dat
+de andere mannen verspreid waren op de velden. Wij gingen dus geduldig
+op den grond zitten wachten, door varkens besnuffeld, terwijl de moli
+een trommel bewerkte, die voor de gamal in het slijk lag. Hij had zijn
+eigen maat, die de inboorlingen van het district kenden en gaf daardoor
+zijn aankomst te kennen. De mannen kwamen langzamerhand opdagen.
+
+Bijna allen waren ziek en leden aan lepra, elefantiasis of
+tuberculose. Allen waren na de lange regenperiode verkouden,
+waren aan het hoesten of leden aan rheumatiek, een treurig beeld
+van ziekte en verval. Ik liet de bagage in de hut brengen en beval
+de boys eten te koopen, kippen, yams, varkens en kokosnoten. De
+menschen schenen overvloed te hebben, want ze brachten ons meer, dan
+we noodig hadden, en waren met wat tabak en een paar doosjes lucifers
+tevreden. Terwijl mijn mannen bezig waren met het vuur, deed ik eenige
+lichaamsmetingen, en al was er wel een beetje wantrouwen bij het zien
+van de glinsterende instrumenten, de tabak was te aanlokkelijk en
+overwon de bedenkingen. Een nieuwsgierige menigte stond om mij heen
+en verhoogde de onbehagelijkheid van wie object van mijn arbeid moest
+wezen. Men is verbaasd, vreest voor geheime tooverij, maar wil den
+blanke toch niet graag het bevelend verzoek weigeren. De vrouwen,
+die in de verte toezagen, want ze mogen het plein om de gamal niet
+betreden, waren leelijk en hadden weer het met asch besmeerde, kale
+hoofd, terwijl ze in het tusschenschot van den neus korte stokjes
+droegen of platte steentjes.
+
+Tegen den avond verschenen de hoofden, twee groote, knappe mannen met
+lange baarden en dichte haarbossen. Als teeken van hun waardigheid
+hadden ze breede armbanden om en donker gekleurde crotonbladeren
+aan den lendengordel. In hun haar hadden ze een eenvoudigen kam en
+zwijnestaartjes, en in de ooren sieraden van schildpad en been. Op
+mijn laag veldbed sliep ik in de gamal, omsnuffeld door honden, die
+kwamen en gingen in de hut. Des morgens liet ik de vrouwen aan den
+rand van het plein komen en begon mijn metingen. Er heerschte onder de
+vrouwen en meisjes een stemming van onderworpenheid en gedruktheid,
+zooals bij haar slavinnenpositie te verwachten was. Komisch was
+het, hoe onhandig ze waren bij het photografeeren. Ze konden zich
+niet rustig houden en bewogen handen of vingers, voeten of teenen op
+zenuwachtige manier. De profielopneming was haar niet aan het verstand
+te brengen. Toch gelukten ten slotte enkele opnamen.
+
+Voor het vervoer van de groote, den vorigen dag gekochte yams had
+ik meer dragers noodig, en gewillig boden de hoofden aan, mij te
+helpen. Er was niet veel lust bij de mannen, om mij te vergezellen,
+en het bevel van de hoofden had weinig effect. Toen had één van hen
+het idee, zijn vrouwen voor den dienst te gebruiken, en dadelijk
+stonden zijn vijf gemalinnen op en belastten zich met driemaal zoo
+zwaren last als de mannen. Die werd met lianen samengebonden en op
+het hoofd gedragen. Alleen de favoriete droeg niet anders dan een
+kleine vrucht en mocht voorop gaan en den weg open slaan. Zij was
+een nog mooie, jonge vrouw.
+
+De heele colonne van wel dertig personen liep nu in den helderen morgen
+een paar uren over vrij gelijk terrein tot naar het volgende dorp. Bij
+den rand van de open plek om het mannenhuis gingen de vrouwen zitten
+naast de lasten. De vrouwen uit het dorp kwamen bij haar en lieten
+zich allerlei vertellen van den grooten dokter en toovenaar. Wij
+mannen begaven ons in de gamal, waar de bewoners ook terstond werden
+ingelicht. De gezondheidstoestand was hier nog treuriger dan in het
+eerste dorp; ik zag geen enkelen gezonde, en de zindelijkheid liet
+nog meer te wenschen over. Overal zweren en builen en uitgeteerde
+gestalten.
+
+Ik betaalde de dragers uit het andere dorp met tabak en lucifers, nadat
+ze met den prijs zich tevreden hadden verklaard. Toen ze op het punt
+waren, weg te gaan, zei de tolk, dat ik de vrouwen nog moest betalen,
+wat echter in den prijs was begrepen. Ik hield het voor een middeltje,
+om den blanke nog meer af te persen en weigerde beslist. Er was lang
+een ontevreden wachten voor de hut, tot ze eindelijk verdwenen, maar
+de stemming was erdoor bedorven, en ik beproefde niet, de menschen te
+meten, wetend, dat ik geen succes zou hebben met mijn verzoek. Daarbij
+deed zich het onaangename gevolg gevoelen van mijn verblijf onder deze
+wilden, want ik vond in mijn hoed, mijn zakken en overal bloeiende
+koloniën van ongedierte. Het was een gruwelijke gewaarwording, en
+hier kon ik niet aan een grondige reiniging denken.
+
+Slechts met groote moeite kon ik eenige dragers voor het volgende
+dorp krijgen, waar het hoofd en eenige mannen voor de gamal zaten en
+koel en onvriendelijk waren. De dragers verlieten ons, en ofschoon
+ik hier geen hulp kon krijgen, waren ze niet te bewegen tot verderen
+dienst. Het hoofd, dat goed Engelsch sprak, wou wel met ons meegaan,
+maar zei, geen enkelen gezonde ter beschikking te hebben. Mijn mannen
+waren ook mismoedig; ik kon hun geen zwaardere lasten geven. Ik liep
+met den hoofdman vooruit, toen de moli mij kwam zeggen, dat er een
+bedenkelijke gisting onder de lieden was; ze waren bang, om verder
+in het binnenland door te dringen en wilden allen deserteeren. Ik
+liet stilhouden en verklaarde, dat de lasten niet te zwaar waren,
+dat ze gisteren bijna niets en vandaag nog niet veel hadden gedaan,
+en dat ze allen konden wegloopen, als ze wilden; de moli en ik zouden
+den weg wel samen vinden. Als de lasten te zwaar waren, zou ik de
+conservenbussen wel weggooien en ook de beide flesschen sterken drank,
+die ik niet voor mijzelf had meegenomen. Ik beval, de flesschen uit
+te pakken en tegen de rots te verpletteren. Dat was te veel; haast
+schreiend smeekten ze mij, dat toch niet te doen; ze wilden den last
+wel dragen, en de weg was niet meer lang. Aarzelend gaf ik toe en na
+een paar dreigementen had ik gewonnen spel, maar het vertrouwen in
+mijn mannen had een schok gekregen.
+
+De volgende dagen bleven ze gewillig en goed, terwijl ik in het
+Noordoosten van het eiland nog eenige dorpen bezocht. De moli begon
+naar huis te verlangen, en het seizoen was niet gunstig, om dragers
+te krijgen, daar de inboorlingen op hun velden moesten zijn. Daarom
+besloot ik tot den terugtocht. Het bevel daartoe gaf mijn mannen
+nieuwe kracht, zoodat we in razende vaart voort marcheerden. In een
+halven dag hadden we de helft van den terugweg afgelegd, en des avonds
+sloegen we ons kamp op aan den oever van de Jordaan, waar we ons in
+het koele rivierwater flink konden afspoelen. Hier was het in den
+frisschen wind beter kampeeren dan in de dorpen tusschen varkens en
+honden en kippen, samen met allerlei ongedierte.
+
+Het ging den volgenden dag langs de rivier door een onbewoonde streek,
+en in den laten namiddag lag de baai voor ons. Nu moest er nog een
+paar uren gemarcheerd over het strand, waarbij we rivieren moesten
+doorwaden, maar des avonds waren we bij den heer F. Na de afbetaling
+der dragers volgden een heerlijk bad en een goed maal.
+
+Wetenschappelijk had de reis niet veel opgeleverd, maar ik had de
+natuur en de leefwijze van de binnenlandsche stammen leeren kennen,
+en moest tot het bedroevend inzicht komen, dat wegens ziekte, gebrek
+aan vrouwen en weinig geboorten er niet veel jaren meer behoeven te
+verloopen, of de bevolking van Centraal Santos zal uitgestorven zijn.
+
+
+
+
+
+AANTEEKENING
+
+
+[1] Tekst en illustraties ontleend aan Felix Speiser, Südsee, Urwald,
+Kannibalen, Leipzig, R. Voigtländer's Verlag 1913.
+
+
+
+
+
+End of the Project Gutenberg EBook of In het Oerwoud en bij de Kannibalen op
+de Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2), by Felix Speiser
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK KANNIBALEN OP DE NIEUWE HEBRIDEN ***
+
+***** This file should be named 24649-8.txt or 24649-8.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/2/4/6/4/24649/
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
diff --git a/24649-8.zip b/24649-8.zip
new file mode 100644
index 0000000..a0c217e
--- /dev/null
+++ b/24649-8.zip
Binary files differ
diff --git a/24649-h.zip b/24649-h.zip
new file mode 100644
index 0000000..ad704b5
--- /dev/null
+++ b/24649-h.zip
Binary files differ
diff --git a/24649-h/24649-h.htm b/24649-h/24649-h.htm
new file mode 100644
index 0000000..05c116c
--- /dev/null
+++ b/24649-h/24649-h.htm
@@ -0,0 +1,3386 @@
+
+<!DOCTYPE html
+PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN" "http://www.w3.org/TR/html4/loose.dtd">
+
+<!-- This HTML file has been automatically generated from an XML source, using XSLT. If you find any mistakes, please edit the XML source. -->
+<html lang="nl-1900">
+<head>
+<meta http-equiv="Content-Type" content="text/html; charset=ISO-8859-1">
+
+<title>In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de Nieuwe Hebriden</title>
+<link rel="schema.DC" href="http://dublincore.org/documents/1998/09/dces/">
+<meta name="author" content="Felix Speiser">
+<meta name="DC.Creator" content="Felix Speiser">
+<meta name="DC.Title" content="In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de Nieuwe Hebriden">
+<meta name="DC.Date" content="#####">
+<meta name="DC.Language" content="nl-1900"><style type="text/css">
+/* Standard CSS stylesheet */
+
+
+
+body
+{
+font: 100%/1.2em "Times New Roman", Times, serif;
+margin: 1.58em 16%;
+text-align: left;
+}
+
+.titlePage
+{
+border: #DDDDDD 2px solid;
+margin: 3em 0% 7em 0%;
+padding: 5em 10% 6em 10%;
+}
+
+h1.docTitle
+{
+font-size:1.6em;
+line-height:2em;
+}
+
+h2.byline
+{
+font-size:1.1em;
+font-weight:normal;
+line-height:1.44em;
+}
+
+span.docAuthor
+{
+font-size:1.2em;
+font-weight:bold;
+}
+
+h2.docImprint
+{
+font-size:1.2em;
+font-weight:normal;
+}
+
+.transcribernote
+{
+background-color:#DDE;
+border:black 1px dotted;
+color:#000;
+font-family:sans-serif;
+font-size:80%;
+margin:2em 5%;
+padding:1em;
+}
+
+.div0
+{
+padding-top: 5.6em;
+}
+
+.div1
+{
+padding-top: 4.8em;
+}
+
+.index
+{
+font-size: 80%;
+}
+
+.div2
+{
+padding-top: 3.6em;
+}
+
+.div3, .div4, .div5
+{
+padding-top: 2.4em;
+}
+
+.footnotes .body,
+.footnotes .div1
+{
+padding: 0;
+}
+
+h1, h2, h3, h4, h5, h6
+{
+clear: both;
+font-style: normal;
+text-transform: none;
+}
+
+h3
+{
+font-size:1.2em;
+line-height:1.2em;
+}
+
+h3.label
+{
+font-size:1em;
+line-height:1.2em;
+margin-bottom:0;
+}
+
+h4
+{
+font-size:1em;
+line-height:1.2em;
+}
+
+h4.lghead
+{
+margin-left:10%;
+margin-right:10%;
+
+}
+
+.alignleft
+{
+text-align:left;
+}
+
+.alignright
+{
+text-align:right;
+}
+
+.alignblock
+{
+text-align:justify;
+}
+
+p.tb, hr.tb
+{
+margin-top: 1.6em;
+margin-bottom: 1.6em;
+margin-left: auto;
+margin-right: auto;
+text-align: center;
+}
+
+p.poetry
+{
+margin:0 10% 1.58em;
+}
+
+p.line
+{
+margin:0 10%;
+}
+
+p.argument, p.note, p.tocArgument
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+text-indent:0;
+}
+
+p.argument, p.tocArgument
+{
+margin:1.58em 10%;
+}
+
+p.tocChapter
+{
+margin:1.58em 0%;
+}
+
+p.tocSection
+{
+margin:0.7em 5%;
+}
+
+
+div.epigraph
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+width: 60%;
+margin-left: auto;
+}
+
+.epigraph .bibl
+{
+text-align: right;
+}
+
+.epigraph .poem
+{
+margin-left: 0;
+}
+
+.epigraph .line
+{
+margin-left: 0;
+text-indent: 0;
+}
+
+.trailer
+{
+clear: both;
+padding-top: 2.4em;
+padding-bottom: 1.6em;
+}
+
+.floatLeft
+{
+float:left;
+margin:10px 10px 10px 0;
+}
+
+.floatRight
+{
+float:right;
+margin:10px 0 10px 10px;
+}
+
+p.figureHead
+{
+font-size:100%;
+text-align:center;
+}
+
+.figure p
+{
+font-size:80%;
+margin-top:0;
+text-align:center;
+}
+
+p.smallprint,li.smallprint
+{
+color:#666666;
+font-size:80%;
+}
+
+span.parnum
+{
+font-weight: bold;
+}
+
+.leftnote
+{
+font-size:0.8em;
+height:0;
+left:1%;
+line-height:1.2em;
+position:absolute;
+text-indent:0;
+width:14%;
+}
+
+.pagenum
+{
+display:inline;
+font-size:70%;
+font-style:normal;
+margin:0;
+padding:0;
+position:absolute;
+right:1%;
+text-align:right;
+}
+
+a.noteref
+{
+font-size: 80%;
+text-decoration: none;
+vertical-align: 0.25em;
+}
+
+
+.red
+{
+color: red;
+}
+
+.displayfootnote
+{
+display: none;
+}
+
+div.footnotes
+{
+margin-top: 1em;
+padding: 0;
+}
+
+hr.fnsep
+{
+margin-left: 0;
+margin-right: 0;
+text-align: left;
+width: 25%;
+}
+
+p.footnote
+{
+font-size: 80%;
+margin-bottom: 0.5em;
+margin-top: 0.5em;
+}
+
+p.footnote .label
+{
+float: left;
+text-align:left;
+width:2em;
+}
+
+.footnotes td, .footnotes th, .footnotes .tablecaption
+{
+font-size: 80%;
+}
+
+
+.poem
+{
+margin-left:5%;
+position:relative;
+text-align:left;
+width:90%;
+}
+
+.poem h4
+{
+font-weight:normal;
+margin-left:5em;
+}
+
+.poem .linenum
+{
+color:#777;
+font-size:90%;
+left:-2.5em;
+margin:0;
+position:absolute;
+text-align:center;
+text-indent:0;
+top:auto;
+width:1.75em;
+}
+
+.versenum
+{
+font-weight:bold;
+}
+
+/* right aligned page number in table of contents */
+.tocPagenum, .flushright
+{
+position: absolute;
+right: 16%;
+top: auto;
+}
+
+.footnotes .line
+{
+font-size:80%;
+margin:0 5%;
+}
+
+.poem .i0
+{
+display:block;
+margin-left:2em;
+}
+
+.poem .i1
+{
+display:block;
+margin-left:3em;
+}
+
+.poem .i2
+{
+display:block;
+margin-left:4em;
+}
+
+.poem .i3
+{
+display:block;
+margin-left:5em;
+}
+
+.poem .i4
+{
+display:block;
+margin-left:6em;
+}
+
+.poem .i5
+{
+display:block;
+margin-left:7em;
+}
+
+.poem .i6
+{
+display:block;
+margin-left:8em;
+}
+
+.poem .i7
+{
+display:block;
+margin-left:9em;
+}
+
+.poem .i8
+{
+display:block;
+margin-left:10em;
+}
+
+.poem .i9
+{
+display:block;
+margin-left:11em;
+}
+
+span.corr
+{
+border-bottom:1px dotted red;
+}
+
+span.abbr
+{
+border-bottom:1px dotted gray;
+}
+
+span.measure
+{
+border-bottom:1px dotted green;
+}
+
+.letterspaced
+{
+letter-spacing:0.2em;
+}
+
+.smallcaps
+{
+font-variant:small-caps;
+}
+
+
+.caps
+{
+text-transform:uppercase;
+}
+
+.fraktur
+{
+font-family: 'Walbaum-Fraktur';
+}
+
+hr
+{
+clear:both;
+height:1px;
+margin-left:auto;
+margin-right:auto;
+margin-top:1em;
+text-align:center;
+width:45%;
+}
+
+h2.docImprint,h1.docTitle,h2.byline,h2.docTitle,.aligncenter,div.figure
+{
+text-align:center;
+}
+
+h1,h2
+{
+font-size:1.44em;
+line-height:1.5em;
+}
+
+h1.label,h2.label
+{
+font-size:1.2em;
+line-height:1.2em;
+margin-bottom:0;
+}
+
+h5,h6
+{
+font-size:1em;
+font-style:italic;
+line-height:1em;
+}
+
+p,p.initial
+{
+text-indent:0;
+}
+
+p.firstlinecaps:first-line
+{
+text-transform: uppercase;
+}
+
+p.dropcap:first-letter
+{
+float: left;
+clear: left;
+margin: 0em 0.05em 0 0;
+padding: 0px;
+line-height: 0.8em;
+font-size: 420%;
+vertical-align:super;
+}
+
+.poem
+{
+padding: .5em 0% .5em 0%;
+}
+
+p.quote,div.blockquote,div.argument
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+margin:1.58em 5%;
+}
+
+.pagenum a, a.noteref:hover, a.hidden:hover, a.hidden
+{
+text-decoration:none;
+}
+
+
+ul { list-style-type: disc; }
+ol { list-style-type: decimal; }
+ol.AL { list-style-type: lower-alpha; }
+ol.AU { list-style-type: upper-alpha; }
+ol.RU { list-style-type: upper-roman; }
+ol.RL { list-style-type: lower-roman; }
+.lsoff { list-style-type: none; }
+
+.castlist, .castitem { list-style-type: none; }
+
+
+
+
+
+/* Supplement CSS stylesheet "style/arctic.css.xml
+" */
+
+
+
+body
+{
+background: #FFFFFF;
+font-family: "Times New Roman", Times, serif;
+}
+
+body, a.hidden
+{
+color: black;
+}
+
+h1, h2, h3, h4, h5, h6
+{
+color: #001FA4;
+font-family: Verdana, Arial, Helvetica, sans-serif;
+}
+
+p.byline
+{
+font-style: italic;
+margin-bottom: 2em;
+}
+
+.figureHead, .noteref, span.leftnote, p.legend, .versenum, .stage
+{
+color: #001FA4;
+}
+
+.rightnote, .pagenum, .linenum, .pagenum a
+{
+color: #AAAAAA;
+}
+
+a.hidden:hover, a.noteref:hover
+{
+color: red;
+}
+
+p.dropcap:first-letter
+{
+color: #001FA4;
+font-weight: bold;
+}
+
+
+
+</style></head>
+<body>
+
+
+<pre>
+
+The Project Gutenberg EBook of In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de
+Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2), by Felix Speiser
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2)
+ De Aarde en haar Volken, 1917
+
+Author: Felix Speiser
+
+Release Date: February 19, 2008 [EBook #24649]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK KANNIBALEN OP DE NIEUWE HEBRIDEN ***
+
+
+
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+
+
+
+
+</pre>
+
+
+<div class="body"><a id="d0e88"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e88">361</a>]</span><div class="div1">
+<h2 class="normal">In het Oerwoud en bij de Kannibalen op de Nieuwe Hebriden.</h2>
+<p><i>Naar het Duitsch van <span class="smallcaps">Felix Speiser</span>.<a id="d0e98src" href="#d0e98" class="noteref">1</a></i>
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-361.jpg" alt="Kust van een koraaleiland." width="720" height="396"><p class="figureHead">Kust van een koraaleiland.</p>
+<p>De opgeheven banken zetten zich trapsgewijze onder water voort in het levende koraalrif.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p style="&#xA; background: url(images/id1917-361.gif) no-repeat top left;&#xA; &#xA; padding-top: 50px;&#xA; "><span style="&#xA; float: left;&#xA; width: 90px;&#xA; height: 90px;&#xA; background: url(images/id1917-361.gif) no-repeat;&#xA; &#xA; background-position: 0px -50px;&#xA; &#xA; text-align: right;&#xA; color: white;&#xA; ">D</span>e schetsen, die Felix Speiser tijdens zijn reis naar de Nieuwe Hebriden ten papiere bracht, willen geen uitvoerige beschrijving
+geven van de eilanden en hun bewoners. Hij nam de pen ter hand, om aan zijn vrienden, van wier belangstelling hij overtuigd
+was, iets mee te deelen van zijn indrukken. Hij heeft ernaar gestreefd, zegt hij in de voorrede van zijn boek, bij zijn bekenden
+eenig gevoel te wekken voor de heerlijke koraaleilanden en hun idyllischen vrede, voor den ernst van het donkere oerwoud en
+den grimmigen toorn van den oceaan. Hij wilde de lezers bekend maken met het eenvoudige en toch bewegelijke leven van de inboorlingen,
+met hun grillig karakter, waarin men nu eens op schuwe nieuwsgierigheid stuit, dan op verraderlijke vrees, heden op trotsche
+zelfstandigheid en morgen op goedmoedige onderdanigheid. Hij hoopte, dat uit zijn woorden mochten klinken het vleiende ruischen
+der palmen en het zware grommen der branding; hij zou anderen willen doen meegevoelen de vroolijkheid, die het klare koraalstrand
+wekt, en den ernst, waarmee het oerwoud de ziel van den zwerver vervult.
+
+</p>
+<p>Of het hem is gelukt, mogen onze lezers beoordeelen.
+
+</p>
+<p>Den 26<sup>sten</sup> April 1910 bereikte ik Noum&eacute;a op Nieuw Caledoni&euml; met de van Marseille komende stoomboot van de Messageries Maritimes, waarop
+ik mij te Sydney had ingescheept. Vier dagen later kwam de &#8220;Pacific&#8221; uit Sydney in Noum&eacute;a en nam mij mee naar de Nieuwe Hebriden.
+Noum&eacute;a maakt geen al te besten indruk; sedert Nieuw Caledoni&euml; geen strafkolonie meer is, nam de achteruitgang snel toe, en
+men krijgt in de stad den indruk, dat ze nog in haar eigen aanleg moet groeien, zoo le&ecirc;g en verlaten doen zich de pleinen
+voor, zoo onverzorgd zijn de tuinen, en zoo weinig aantrekkelijk zien de huizen eruit. Hier en daar zijn over de trottoirs
+daken van gegolfd plaatijzer gespannen, waaronder men naar stoffige winkels kan kijken, en waar op iederen hoek een matrozenkroeg
+lokt. Er is een raadhuis, van hout opgetrokken, en de residentie van den gouverneur is ook niet veel bijzonders. De ambtenaren
+spelen kaart in de club en gaan vroeg naar bed, nadat ze zich hebben laten vermaken door <a id="d0e120"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e120">362</a>]</span>afgespeelde operadiva&#8217;s uit Sydney of door de voorstelling van een kinotheater.
+
+</p>
+<p>De eenige afleiding is de maandelijksche aankomst en het vertrek van de stoomboot uit Sydney, wanneer iedereen op de kade
+zich vertoont en onbekenden toewuift met een na&iuml;eveteit, die op de verveling in de plaats een helder licht werpt. Het was
+een druilerige regendag, toen wij wegvoeren. Mismoedig stonden de passagiers op het natte dek en keken toe, hoe de lading
+werd verpakt, die bestond uit deelen van uit elka&acirc;r genomen huizen, oude spoorrails, kisten met ingemaakte levensmiddelen,
+paarden, prikkeldraad, enz. Het vertrek werd van den middag tot den avond verschoven; de blanke passagiers, kolonisten, soldaten,
+kooplieden, werden ongeduldig; maar de inboorlingen trokken er zich niets van aan. Voor hen beteekent tijd niets; ze sloegen
+hun dekens om in een droog hoekje en bleven rustig zitten droomen.
+
+</p>
+<p>Toen we eindelijk wegvoeren, veegde de regen van de bergen af door de lucht, en toen er daarna nevel opkwam, moesten wij het
+anker uitwerpen, want de loods was niet zeker van den weg door de vele kleine eilanden en ondiepten, die de vaart binnen het
+Barri&egrave;rerif zoo gevaarlijk maken. Het was volslagen donker, en het schip rukte onrustig aan zijn ankerkettingen. Wie niet
+zeeziek was, ging naar de rookkamer, waar het gesprek natuurlijk op schipbreuken kwam, die in den laatsten tijd talrijk waren
+geweest in deze wateren. Men vertelde avonturen met haaien en roggen en sprak over cyclonen. Van tijd tot tijd ging er &eacute;&eacute;n
+op het dek en keerde terug met een bedenkelijk gezicht, zoodat een ongevaarlijke positie ongemoedelijk begon te worden. Ten
+slotte ging men maar naar zijn hut en kon daar bij gesloten vensters kennis maken met tropische hitte en vochtigheid.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-362.gif" alt="Nieuwe Hebriden en Bankseilanden." width="499" height="720"><p class="figureHead">Nieuwe Hebriden en Bankseilanden.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Den volgenden dag bij het ontwaken waren we het rif al voorbij en rolden op de zware, hooge golven, die de zuidoostpassaat
+over de onmetelijke watervlakte jaagt, en een dag later deden we Port Vila aan, de ingangshaven van de Nieuwe Hebriden op
+het eiland Elate. Uit den lichten nevel van den zomermorgen kwamen de vormen van een eiland voor den dag en de koepels van
+bergen, en bij het naderkomen onderscheidde men kronen van vijgenboomen, die hoog boven het andere groen uitstaken als kathedralen
+boven de huizen van een stad. Men kon nu ook de branding zien schuimen tegen de vlakke kust, zag den ingang van de wijde baai,
+herkende palmen, en onvoorziens waren we al in de lagune, waar het water in den zonneschijn fonkelde met den glans van juweelen.
+We hadden nu de vlakke landtongen achter ons, en de bocht werd hier omzoomd door steile hellingen van koraalplateau&#8217;s, waarlangs
+watervallen van oerwoud neerstortten in overweldigenden overvloed van gewassen. Er was iets spontaans in die weelde van den
+plantengroei, en men werd herinnerd aan een vulkaan, waarbij de eene rookzuil de andere schijnt te willen verdringen. Zoo
+scheen hier de eene boom den anderen te willen verstikken als in de worsteling om het leven, waarin de zwakkeren, beroofd
+van hun plaats, zich nog krampachtig vastklemden aan den oever en ver daarbuiten, tot boven de spiegelende watervlakte, terecht
+waren gekomen. Daar, boven het water, welfden ze zich in ronde kruinen en vormden een prachtige randversiering. Slechts hier
+en daar bleef het strand vrij, en het blinkend witte zand scheidde het blauw van het water van het woudgroen, zoodat het landschap
+in kleurenpracht straalde.
+
+</p>
+<p>De baai vernauwde zich tot de eigenlijke haven van Port Vila, en kleine eilanden lieten kijkjes toe op koele bochten, waar
+lichtgekleurde huizen aan het strand stonden. Op het hooge plateau bij de stad lagen grootere villa&#8217;s, en in het havenbassin
+witte zeilschepen van de planters. Ongeveer duizend <a id="d0e135"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e135">363</a>]</span>meter van het land wierpen we het anker uit.
+
+</p>
+<p>Zooals ons het kleurige tropische landschap aangenaam aandeed, zoo was de aankomst van ons schip een welkome afwisseling voor
+de kolonisten van Vila. Reeds kwamen uit alle richtingen witte roei- en motorbooten nader, die om het schip rondvoeren, tot
+de havendokter den toegang toestond. Vlug klauterden de wachtenden tegen het schip op, en plotseling was er op dek een druk
+gepraat, gelach en handgeschud. Een vriendelijke planter bracht mij met mijn weinige bagage naar den wal, waar ik mij in het
+h&ocirc;tel een kwartier zocht.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-363.gif" alt="De westelijke Stille Oceaan." width="720" height="480"><p class="figureHead">De westelijke Stille Oceaan.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Het middelpunt van de groote plantages is Mele, maar door haar ligging werd Port Vila handelscentrum. In den laatsten tijd
+echter ontwikkelden de omliggende eilanden zich krachtiger, en Port Vila wordt meer en meer bestuursplaats, terwijl de eigenlijke
+handel zich afspeelt aan boord van de schepen. Evenmin als Noum&eacute;a gaat Port Vila vooruit; het is een droomerige, stille plaats,
+waar de planters uit Mele op postdagen wat leven brengen, en de inlanders waren laden en lossen. Men kan hier onder matrozen
+en planters gestrande levens vinden, van wie enkele hun afkomst uit betere kringen nog graag nu en dan aan den dag leggen,
+maar anderen ook alle eerzucht dienaangaande hebben afgelegd en van de eene herberg naar de andere strompelen, waar u grammofoonmuziek
+en getwist uit tegenklinken.
+
+</p>
+<p>Iets aardigs zijn de feestelijk uitgedoste vrouwen uit de inboorlingendorpen met haar gracieusen gang, de mooie, donkere oogen
+en het bakvischgegichel, die inkoopen komen doen. Ook de zeilbooten op het water, waarin bruine mannen kwamen aanvaren, maakten
+een schilderachtigen indruk. Mijn h&ocirc;tel was niet veel bijzonders. Het eten was er goed, maar men kon er zich haast niet wasschen,
+en de gasten waren een zonderling zoodje. Er werd &#8217;s avonds sterk gedronken, en gespeeld, wat dikwijls met vechtpartijen eindigde.
+Een vreemdeling voelt er zich niet op zijn plaats, en men heeft geen gelegenheid, zich terug te trekken. Toen ik het allernoodigste
+had uitgepakt, beklom ik het plateau, om naar de fransche residentswoning te gaan en mij den bestuurder voor te stellen. Het
+kantoor van de engelsche residentie was toen nog op het eiland Iririki, waar ik zonder boot niet kon komen. Het condominium
+heeft wel wat meer leven in de plaats gebracht door de <span id="d0e148" class="corr" title="Bron: amb-naren">ambtenaren</span> van beide nationaliteiten.
+
+</p>
+<p>Het fransche residentshuis was een laag gebouw met een weide eromheen, waar kippen en paarden liepen en die een kaal aanzien
+had. Maar van de veranda had men een verrukkelijk uitzicht op den uitgang van de baai, doordat de beide oevers te zien waren,
+die de watervlakte insloten en hun landtongen vooruit schoven. Aan den horizon verloor zich dan de open zee tot in het oneindige.
+Iririki ligt aan de overzij op den groenen waterspiegel, en men kan gemakkelijk de goed verzorgde tuinen onderscheiden met
+hun mengeling van cultuurplanten en natuurlijken plantengroei. Daarnaast ligt de wijde haven in een druk spel van kleuren,
+waarin het donkere purper van de koraalriffen door het water te zien is. De pracht van het landschap was wel een vergoeding
+voor het betrekkelijk minderwaardige van het menschenwerk.
+
+</p>
+<p>De fransche resident, de heer Colonna, ontving mij zeer vriendelijk en noodigde mij uit, bij hem <a id="d0e155"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e155">364</a>]</span>mijn intrek te nemen, zoodat ik het h&ocirc;tel vaarwel kon zeggen tot mijn niet geringe vreugde. Ik had mij voorgenomen, in Vila
+met het land en de menschen vertrouwd te worden, daar dienstpersoneel te huren en mijn expeditie naar plaatselijke omstandigheden
+in te richten. Maar de resident scheen te meenen, dat ik goed zou doen, eerst ook op de andere eilanden rond te zien en sloeg
+mij voor, hem te vergezellen op een inspectiereis, die hij over een paar dagen ging ondernemen. Als zijn gast kon ik niet
+weigeren; maar wees op de noodzakelijkheid, dat ik personeel moest huren. Men stelde mij gerust met de mededeeling, dat ik
+gemakkelijk op Espiritu Santo, het grootste eiland, waar de resident mij zou afzetten, mannen zou kunnen vinden, en dat ik
+daar ook mij bij een fransche opmetingsexpeditie kon aansluiten, wier werk binnen kort in Santo zou beginnen.
+
+</p>
+<p>Aldus gerustgesteld, trof ik mijn voorbereidingen voor het vertrek en ordende mijn bagage. De resident scheen niet te weten,
+dat in de haven Canal du Segond geen inboorlingen meer wonen, en dat, wat er in de omgeving aan arbeidskrachten aanwezig is,
+door de planters wordt in beslag genomen, zoodat ook de staatsopmetingsexpeditie geen arbeiders genoeg had en mij volstrekt
+niet kon helpen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-364.jpg" alt="De rechtbank van het Condominium." width="720" height="255"><p class="figureHead">De rechtbank van het Condominium.</p>
+<p>Van links gezien: de fransche rechter, de spaansche rechtsgeleerde, de spaansche president, de nederlandsche secretaris, de
+engelsche rechter.
+</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Het zou het beste zijn geweest, als ik een eigen schip had zien te krijgen; daardoor zou ik veel tijd hebben bespaard, daar
+ik niet van andere schepen afhankelijk had behoeven te wezen. Nu werd ik door transportmoeilijkheden opgehouden. Ik vond dus
+geen personeel, en daar ik onbekend was met de verhoudingen op de eilanden, verliet ik mij op den raad van den resident en
+vond den tocht met hem een gelukkig toeval.
+
+</p>
+<p>De residentieboot werd te mijner beschikking gesteld voor mijn bezoek aan den engelschen resident op Iririki. Het uiterlijk
+voorkomen van dit residentiehuis was opvallend beter verzorgd; maar de engelsche resident was er al vier jaren, en de fransche
+nog slechts een half jaar. De heer Morton King bood mij eveneens gastvrijheid aan, maar als gast van den heer Colonna kon
+ik die niet aannemen, en eerst later heb ik veel steun en raad van Mr. King gekregen, waarvoor ik hem altijd dankbaar zal
+blijven. De volgende dagen had ik ook de eer, den engelschen rechter van het condominium te leeren kennen, Judge Alexander,
+en den bisschop van de katholieke zending, monseigneur Doucer&eacute;. Beiden beloofden mij steun. Onder gezellige samenkomsten verliep
+de tijd tot het vertrek van het regeeringsjacht &#8220;Gallia&#8221;. Het was oorspronkelijk een wedstrijdboot, wat haar vormen nog bewezen;
+maar van binnen was de boot zeer verwaarloosd; gelukkig had ze goede zeilen en een voldoend sterken motor, die ook in tegenwind
+flink kon werken.
+
+</p>
+<p>Op een donkeren Meimorgen voeren we de baai uit, de resident, de rechter, de heer S., en de kapitein met acht politiedienaren
+van de Loyalty-eilanden, die voortreffelijke zeelui waren en hier dienst deden als matrozen en politie tegelijk. We hadden
+dien dag nog een fransche plantersvrouw met haar dochter aan boord, wier bestemming Port Havannah was in het Noordwesten van
+het eiland Efate.
+
+</p>
+<p>Port Havannah is een der beste havens van de groep, omdat er veel ruimte is, en men niet door koraalriffen wordt gehinderd.
+Het eenige nadeel is de groote diepte, waardoor kleinere vaartuigen geen ankergrond kunnen vinden. Wij ankerden er en gingen
+toen dadelijk op de duivenjacht, daar de heer S. een hartstochtelijk jager was. Duiven zijn met wilde zwijnen en enkele eenden
+het eenige jaagbare wild op de Nieuwe Hebriden; maar als sport schijnt er mij een eigenaardige geestdrift voor noodig, om
+er plezier in te vinden. De duiven zijn uiterst schuw en houden zich veelal in de hoogste boomen op. Daar kan een Europeaan
+ze haast niet ontdekken, en als men ze met hulp van een inlander heeft gezien, vliegen ze meestal weg. Gelukt het, ze van
+den boom naar beneden te schieten, dan is de buit gewoonlijk onvindbaar. De inboorlingen kunnen zonder geluid nadersluipen
+en de buks dichtbij den vogel losbranden. Voor mij bestond de duivenjacht uit een vervelend wachten in het struikgewas, en
+het resultaat van verscheiden uren was &eacute;&eacute;n of geen duif. De vette dieren leveren anders een smakelijk hapje, dat, als het
+goed is toebereid, een aangename afwisseling is van busjesvleesch.
+<a id="d0e174"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e174">365</a>]</span></p>
+<p>Dezen keer had niemand van het gezelschap geluk op de jacht. De avond werd nog besloten met een danspartij in de bescheiden
+woning van de beide dames. Op de zoete klanken van een grammofoon draaide men in het rond, en zelfs de niet meer slanke moeder
+kon de verzoeking niet weerstaan en huppelde met den niet mageren resident zoo ijverig mee, dat men voor beiden bezorgd moest
+wezen. Wij sliepen aan boord bij het zachte schommelen van het schip. Soms plaste een groote visch in het water, maar verder
+was het stil en drukkend warm als in een bangen droom.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 401px"><img border="0" src="images/p1917-365-1.jpg" alt="Vrouwen bij den koopman, gichelend en verlegen." width="401" height="281"><p class="figureHead">Vrouwen bij den koopman, gichelend en verlegen.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>We stonden al vroeg op, om weer op de jacht te gaan, maar het resultaat was al niet beter dan den vorigen dag. Gelukkig zeilden
+we toen spoedig weg in helder we&ecirc;r en een frisschen wind. Langs de kleinere eilanden Nguna en Mataso kwam ons doel Maei naderbij
+en in den laten namiddag wierpen we er het anker uit. Maei is een eilandje, waar de inboorlingen, als op veel eilanden in
+de buurt, bijna geheel verdwenen zijn. Er was daar een kleine plantage, met welker agent de heer Colonna een onderhoud moest
+hebben. Toen we ons door de lastige nauwe invaart hadden heengewerkt, om door het koraalrif den oever te bereiken, vonden
+we den blanke in een half waanzinnigen toestand. Hij beweerde, dat hij koorts had; maar de alcohol had ook een groot deel
+aan zijn zonderling gedrag. De man trok de gekste gezichten, kon slechts met moeite praten en was niet in staat, om te schrijven.
+Hij zei, dat de koorts hem de macht over zijn vingers had doen verliezen.
+
+</p>
+<p>De arme man werd uitgenoodigd, aan boord te komen soupeeren; maar hij kende geen Fransch; de fransche beambten verstonden
+geen Engelsen, en dus moest ik als tolk optreden. Dat was bij den planter, die in het Engelsch ook niet scheen te kunnen spreken
+en zich in mysterieuse klanken uitte, een moeilijk ding, te meer daar de man trots de afgepaste portie wijn, die wij hem schonken,
+al meer onder den invloed van den drank raakte en zich op het laatst beleedigend over den resident uitliet, wat ik in het
+Fransch moest overbrengen, om hem het antwoord dan weer in het Engelsch te presenteeren. Het was lastig en komisch, en we
+brachten al spoedig den planter aan land onder de hoede van zijn inlandsche vrouw en drie politiedienaren.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 402px"><img border="0" src="images/p1917-365-2.jpg" alt="Inboorlingen brengen kokosnoten in ruil voor tabak. (Canal du Segond)." width="402" height="372"><p class="figureHead">Inboorlingen brengen kokosnoten in ruil voor tabak. (Canal du Segond).</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>We rookten nog een pijpje, keken naar de uitgezette hengels, die natuurlijk le&ecirc;g waren en gingen slapen op dek. Den volgenden
+morgen kwam de planter weer, nu wat handelbaarder. Hij bracht de inlandsche en haar kind mee, dat hij wou laten erkennen.
+Daar de inlandsche vrouwen vaak weer wegloopen en in het algemeen aan de belofte van huwelijkstrouw moeilijk kunnen vasthouden,
+worden zulke kleurlingen in het register opgenomen als kind van die en die, moeder onbekend, wat den oningewijde wel vreemd
+moet lijken. Na voltrekking van die formaliteit lichtten we het anker en stuurden naar Tangoa, een eiland, dat voor het grootere
+Epi lag. We kwamen daar nog in den voormiddag aan en begaven ons dadelijk op weg naar het binnenland. Daarheen voert een goed
+onderhouden rijweg, de eenige in den archipel buiten Vila.
+
+</p>
+<p>Er was juist een heftige strijd over het recht op dien weg. De protestantsche zendeling, de heer M., had dien weg door de
+inlanders laten aanleggen en verlangde van een planter, den heer E., die in het binnenland woonde, tolgeld voor elken zak
+copra, dien deze naar de kust voerde. De planter was bereid, zijn aandeel aan het onderhoud van den weg te betalen, maar weigerde,
+de hooge tol te betalen. De inboorlingen, waarschijnlijk opgezet door den zendeling, versperden hem daarom den weg en dreigden,
+zijn huis in brand te zullen steken, als hij niet toegaf. Wij kwamen juist op tijd, om den twist voorloopig bij te leggen.
+Daarna keerden we naar de kust terug, aten in de schaduw van een tent en flaneerden het overige van den dag.
+
+</p>
+<p>Tangoa is een van de weinige eilanden, waar de inboorlingen niet in aantal achteruitgaan. Daar ze allen bekeerd zijn, schrijft
+de zendeling zich de eer toe, dit verheugende feit te hebben teweeggebracht. Al moet men zijn werk waardeeren, toch schijnen
+andere oorzaken te hebben meegewerkt. Het is namelijk opmerkelijk, dat op andere, juist zoo gelegen kleine eilanden, de bevolking
+zich ook weet te handhaven, zooals op Paauma, Vao, Mele, zonder dat de zending tot voor korten tijd er voet heeft gevat.
+<a id="d0e197"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e197">366</a>]</span></p>
+<p>Na een prachtigen, helderen nacht voeren we vroeg naar Epi, het grootere eiland ten noorden van Maei. De lucht was betrokken
+geworden, en een grauwe nevel hing over het land. Waar de bekoring van het landschap zoo geheel op kleuren berust, heeft een
+verandering in het we&ecirc;r, in atmosfeer en verlichting, ten gevolge, dat hetzelfde eiland er den eenen dag idyllisch kan uitzien
+en den anderen dag alle aantrekkelijkheid kan hebben verloren. Onze tocht werd dan dadelijk tot een plichtreis, waar hij eerst
+een prettig uitstapje was geweest. Daarbij was de stemming gedrukt door ongesteldheid van den heer Colonna, die koorts had
+en last van zijn lever en zich met allerlei medicamenten er bovenop hield.
+
+</p>
+<p>Op Epi wordt hoofdzakelijk koffie verbouwd door een aantal fransche planters; we hielden er ons niet op en voeren verder naar
+Port Sandwich op Malekula. We hadden in den nacht doorgevaren voorbij Ambrym. De roode gloed van den daar aanwezigen vulkaan
+bescheen de rookzuil, die overdag alleen een zware damp scheen. Port Sandwich is na Vila de drukst bezochte haven van den
+archipel en heeft, omdat het zulk een centrale ligging bezit, menig schip in een cycloon een schuilplaats verschaft. De ingang
+is smal; de baai wordt verder binnenwaarts breed en dringt ver naar het Zuidwesten binnen. Op de ankerplaats is men geheel
+door land omringd en meent, in een binnenmeer te wezen, want overal ziet men de oevers begroeid met dichte bosschen, waarvan
+de begroeide bodem tot het water reikt.
+
+</p>
+<p>De leuze was ook hier terstond bij aankomst de duivenjacht. Ik gaf er echter al gauw de voorkeur aan, met den zoon van den
+aanwezigen planter de in de nabijheid gelegen inboorlingendorpen te bezoeken. Hier zag ik voor de eerste maal de echte, werkelijke
+wilden. Niemand, die iets voelt voor dergelijke dingen, zal de plechtigheid ontkennen van het oogenblik, als hij voor het
+eerst den onvervalschten natuurmensch voor zich ziet. Gebeurt dat in het oerwoud, dat zelf al een natuuropenbaring is, dan
+kan het zijn, dat de donkere, naakte inboorling plotseling opduikt, nadat hij onhoorbaar door het struikgewas is gedrongen.
+De takken uit elkaar wringend, staat hij op het smalle pad v&oacute;&oacute;r ons, wij verbaasd, hij schuw. Slechts weinig steekt hij af
+tegen het groen van de omgeving; hij is verwant aan de omringende natuur, maakt er deel van uit en lijkt ons een vreemd wezen,
+tot een woord den ban breekt, iets van herkennen over zijn trekken glijdt en wij den mensch in hem beginnen te zien.
+
+</p>
+<p>Zoo herbergt het eindelooze, ongastvrije woud, zonder wegen of open plekken, zonder zon en licht, de dichte wirwar van lianen
+en stammen, menschen van ons eigen maaksel! Het lijkt ons als een wonder, dat in die diepten, die als een groene, onpeilbare
+zee zijn, menschen kunnen leven, en men kan het van vroegere geslachten begrijpen, dat ze de verwantschap met de boschbewoners
+loochenden, want nooit doet zich de inboorling primitiever voor, dan als hij door het woud trekt. Naakt met enkel den gordel
+van boomschors en den schaamdoek, met woest, krullend haar en ve&ecirc;ren als tooi, enkel voorzien van pijl en boog, doet hij zich
+weinig vriendelijk voor, en plotseling heeft het woud hem weer opgeslokt; de groene wand is weer gesloten, en ons oog en oor
+kunnen hem niet vinden.
+
+</p>
+<p>Anders is het, als we zijn woning betreden of de dansplaats met de groote trommels, de geheimzinnige steenen tafels, de beelden
+en palen. Uit een hut kruipt langzaam een man, en uit het bosch naderen ze uit woningen, die wij eerst niet eens hadden bemerkt.
+Daar staan vrouwen en kinderen in vreesachtige verbazing, tot er een levendig gesprek begint of een zacht gefluister over
+den vreemdeling. We zijn midden in het leven, in een drukke menschenkolonie, waar het in veel opzichten toegaat als bij ons.
+Dan heeft het oerwoud zijn sluier opgeheven; we hebben het heiligdom betreden, en de ongastvrijheid van een vijandige natuur
+is verdwenen.
+
+</p>
+<p>Zou misschien de vaak genoemde eenzaamheid van het individu in de groote steden niet een symptoom van grooter wreedheid en
+hardheid zijn dan de afgeslotenheid van den natuurmensch, die met de zijnen in zijn eigen kringetje leeft, waar hij gebieder
+is? Wij verheffen ons dikwijls op onze heerschappij over de natuur; maar is die niet een vlucht eruit, omdat haar krachtigste
+uitingen ons schrik aanjagen? Wij kwamen niet in nadere aanraking met de bewoners en voeren den volgenden dag langs Malekula&#8217;s
+oostkust verder naar het Noorden.
+
+</p>
+<p>Voor de kust liggen hier reusachtige koraalriffen, zoodat de branding een paar mijlen ver in zee begint. Die riffen zijn een
+samenhangende massa van verbrokkeld koraalgesteente, dat al verder in zee vooruitgroeit. De oppervlakte is effen, ongeveer
+ter hoogte van den laagsten waterstand, zoodat ze bij eb haast droog ligt. Dan kan men droogvoets op het rif loopen; maar
+men moet de vaak breede riffen aan den buitenkant eerst passeeren. Die zouden de geheele kust spoedig insluiten, als niet
+overal waar zoet water de zee bereikt, een opening in den gordel was gelaten, terwijl ook hier en daar grootere einden van
+den oever vrij zijn gebleven. Het groeien van de koralen in de open zee heeft de ingangen van de baaien vernauwd, maar voor
+kleine vaartuigen zijn ze bruikbaar gebleven en vormen uitstekende ankerplaatsen, omdat <span id="d0e212" class="corr" title="Bron: daarbinden">daarbinnen</span> de branding zich niet doet bemerken.
+
+</p>
+<p>De invaart in die strandbekkens is vaak zeer lastig. Toch bracht onze kapitein het er goed af en voerde ons schip in een ruime
+lagune achter het Eliza-Maryrif, zoo genoemd naar een groote schoener, die er voor jaren strandde. Nog lagen er groote balken
+en stukken ijzer op het rif, half overgroeid door koraal, en daarnaast hoopen ballast en steenen, waar latere geologen nog
+wel voor kunnen staan als voor een raadsel.
+
+</p>
+<p>Men had mij de jacht op het droge rif als bijzonder prettig afgeschilderd, en we maakten ons daarom den volgenden dag klaar,
+om bij eb op de wijde vlakte avonturen te beleven. Op het rif had zich al eenige plantengroei afgezet, voornamelijk mangroven,
+die zich op hun luchtwortels boven den hoogwaterstand trachtten te houden. Ofschoon er voor mij niets te jagen viel, was het
+waden door het stijgende, lauwe water een genoegen, omdat ik er kennis kon maken met een wereld van onbekende dieren. Er waren
+<a id="d0e219"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e219">367</a>]</span>holothuri&euml;n, die geel of purperkleurig als worstjes in de poelen lagen en door de Chineezen worden gegeten, waarom ze een
+kostbaar uitvoerartikel zijn. Groot was het aantal kleurige vischjes, die in de plassen verschrikt heen en weer schoten, evenals
+dat van de wormen, de zeesterren en polypen. Toen het water hooger steeg, gingen we aan boord en zeilden verder naar Vao en
+van daar verder noordwaarts, voeren door de Bougainvillestraat met haar lastige stroomingen en wierpen des middags het anker
+uit in de haven Canal du Segond in het Zuidwesten van het grootste eiland der groep, Espiritu Santo of alleen Santo.
+</p>
+<hr class="tb"><p>
+
+</p>
+<p>Het eigenlijke Canal du Segond is een lange, smalle inham, gevormd door de kust van Espiritu Santo en door die van de kleinere
+eilanden Aore en Malo. De lengte is ongeveer acht mijlen en de breedte op de smalste plaats slechts drie vierde mijl. Aan
+de oevers, die aan de Soci&eacute;t&eacute; Francaise des Nouvelles H&eacute;brides behooren, woont een ongeveer honderdvijftig zielen tellende
+kolonie van fransche planters. Men heeft er een goede haven, maar die, helaas, niet zeer centraal is gelegen, en ook gaat
+er een sterke strooming in het kanaal. De oevers zijn vlak en laten de monding vrij van de Sarakatta, een groote rivier, die
+in het binnenland van het eiland ontspringt.
+
+</p>
+<p>Die rivier is een bezienswaardigheid, en een vaart van de monding stroomop maakt een diepen indruk. De plantengroei om het
+Canal du Segond is de allerweelderigste van de eilanden, en de rivier snijdt direct in het oerwoud, zoodat men tusschen twee
+hooge woudmuren vaart. Geluidloos glijdt het water voort; geluidloos is het woud, en slechts zachtjes plast de boot of slaat
+een visschestaart het water. Altijd nieuw en verrassend is de afwisselende plantengroei en zijn de kijkjes bij de verschillende
+bochten van den stroom. Als in een droom glijdt men dan weer den stroom af en behoudt een liefelijke herinnering te meer.
+
+</p>
+<p>De resident stelde mij voor aan het planterspaar, den heer en mevrouw Ch., en verzocht voor mij huisvesting. Zijn wensch was
+voor hen zoo goed als een bevel. Ze hadden een jaar geleden een weelderig leven in Parijs verwisseld voor het plantersbestaan
+op de Nieuwe Hebriden en hadden, daar ze een oude plantage van de Societ&eacute; des Nouvelles H&eacute;brides hadden gehuurd, dadelijk
+een huis gereed gevonden, anders dan de overige kolonisten, die de eerste grashut voor zichzelf moeten bouwen en vaak eerst
+na jaren zich een behoorlijk huis kunnen veroorloven.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-367.jpg" alt="Inboorlingen op weg naar den koopman." width="616" height="304"><p class="figureHead">Inboorlingen op weg naar den koopman.</p>
+<p>Bij uitzondering draagt ook de man een last. (Canal du Segond).</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Toen ik mijn kwartier had betrokken, voer de resident in de &#8220;Gallia&#8221; weg, en ik bleef achter aan den rand van de wildernis.
+
+</p>
+<p>Wat er nu volgde, was een wachtperiode van twee maanden, de eerste van vele volgende. Daar ik geen dienstpersoneel had, kon
+ik niets degelijks beginnen, en van de inboorlingen kreeg ik heel weinig te zien. Maar wel kreeg ik een goeden kijk op het
+leven van een, zij het dan ook slecht geleide, plantage.
+
+</p>
+<p>De heer Ch. had bij de plantage ongeveer dertig inboorlingen overgenomen en trachtte de verwaarloosde aanplantingen weer bruikbaar
+te maken. Veel hectaren stonden vol koffieboomen, maar bij de voortdurende wisseling van beambten van de maatschappij was
+het plantsysteem zoo vaak veranderd, dat er niet veel van den oogst terecht kwam. Ieder nieuw aangestelde had het werk van
+zijn voorganger laten liggen en had nieuwe aanplantingen aangelegd. In een oogenblik zijn zulke oude aanplantingen overgroeid,
+zoodat hier de koffieboompjes bij duizenden tusschen het onkruid en het hooge geboomte stonden te worstelen om licht en lucht
+en geen vrucht meer droegen. Men kan het haast niet gelooven, dat in veertien dagen op een glad gemaaiden grond weer meterhoog
+gras kan staan, of dat in zes maanden een gewiede aanplanting weer dicht bosch met stammen van een vinger dikte draagt. Alleen
+de planter weet, dat de overgroote weelderigheid zijn grootste vijandin is, en dat hij meer arbeid moet besteden aan het schoonhouden
+van de plantage dan aan het eerste uitroeien van het oerwoud en het zetten van de jonge planten.
+
+</p>
+<p>Er was dus voor dezen planter veel te doen, wilde hij de koffieboomen weer doen dragen, en om toch dadelijk wat te verdienen
+in den tijd, voordat de koffie een opbrengst leverde, wat eerst na twee of drie jaren te verwachten was, deed hij als alle
+planters en zaaide ma&iuml;s, die in drie maanden al vruchten levert. Zijn arbeiders, kroesharige, donkere, in lompen gekleede
+kerels, waren dan ook bezig, de een voet lange ma&iuml;skolven te plukken. Met onverschillige hand wierpen ze de goudgele vruchten
+over hun rug op den grond; daar werden ze door eenige vrouwen opgezocht, in zakken gedaan en naar de loods aan den oever gedragen.
+De heer Ch. wekte de menschen op, voort te maken, daar de ma&iuml;s voor de verzending gereed moest wezen, tegen dat de binnen
+enkele dagen te verwachten &#8220;Pacific&#8221; zou aankomen. Bij de groote vochtigheid van het klimaat <a id="d0e244"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e244">368</a>]</span>kan men de waren niet lang laten liggen, zonder dat ze verrotten, vooral niet in eenvoudige loodsen of open ruimten onder
+daken van palmbladeren.
+
+</p>
+<p>De &#8220;Pacific&#8221;, waarop gewacht werd, was een engelsche stoomboot, de vlag voerend van het groote australische handelshuis Burns,
+Philp en Co uit Sydney, dat ook met andere eilandengroepen relaties onderhoudt. Die stoombooten doen eerst de Lord Howe- en
+de Norfolkeilanden aan, dan Port Vila, de ingangshaven van de Nieuwe Hebriden, om van daar in een rondvaart van vier weken
+alle grootere plantages van de groep en bijna alle eilanden aan te doen. Door een aanzienlijke rijkssubsidie is de maatschappij
+verplicht tot den postdienst, maar drijft buitendien een levendigen handel met de planters en kooplieden. Aan boord van de
+schepen is een ambtenaar van de maatschappij, de zoogenaamde supercargo, die de producten van de kolonisten koopt en hun daarvoor
+waren levert, ruil- en handelswaren voor het verkeer met de inboorlingen, alsook alles, wat ze zelf noodig hebben. Ook brengt
+hij alle bestellingen over van de blanken naar het handelshuis te Sydney, bestellingen van allerlei aard, van naainaalden
+tot paarden en motorbooten toe.
+
+</p>
+<p>Een groote voorraad goederen wordt altijd aan boord meegenomen, vooral dingen van dagelijksch gebruik, zoodat men daar een
+soort van warenhuis heeft en alles kan uitzoeken, wat men aan levensmiddelen en kleeding behoeft. Daarbij wordt gaarne crediet
+verleend aan beginnende planters, dat zijn menschen, wier plantages nog niets opbrengen, waarvoor dan de planters de verplichting
+op zich nemen, al hun producten later aan Burns en Philp af te geven, en wat ze noodig hebben, ook van die firma te betrekken.
+Zoo komt het, dat veel planters in schulden steken bij Burns, Philp en Co, en deze, omdat er geen concurrentie is, de prijzen
+voor copra en andere producten kunnen vaststellen. De firma is dus een belangrijke machtsfactor op de eilanden.
+
+</p>
+<p>Anders is het gesteld met de fransche stoomvaartlijn der Messageries Maritimes. Door een groot subsidie van de regeering ondersteund,
+is die lijn alleen postdienst en geeft zich niet af met handel. Het mooie schip vaart in drie weken van Sydney naar Noum&eacute;a
+en Port Vila, bezoekt drie planterscentra van de groep, om de eilanden al na drie weken te verlaten en langs dezelfde route
+naar Sydney terug te keeren. Die lijn vormt daardoor de snelste en ook de geriefelijkste verbinding met Australi&euml; in acht
+dagen, terwijl de engelsche stoombooten voor de reis elf dagen noodig hebben.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-368.jpg" alt="Eenvoudig, geriefelijk kolonistenhuis op Espiritu Santo." width="618" height="463"><p class="figureHead">Eenvoudig, geriefelijk kolonistenhuis op Espiritu Santo.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Buitendien circuleeren nog verscheiden kleine stoombooten en zeilschepen door de groep en trachten door hun komst in de tusschenpoozen
+tusschen de australische booten wat te verdienen en den kolonisten van dienst te zijn.
+
+</p>
+<p>Bij het wachten op de boot wordt de oogst, om bederf te voorkomen, vaak tot het laatst uitgesteld, en als het dan regent,
+moet er weer uitstel volgen, zoodat er op het laatst een zenuwachtig haasten heerscht op de plantages, want als de producten
+niet klaar zijn, om te worden ingeladen, blijft alles liggen, en de heele oogst is verloren. Zoo moest de heer Ch. de helft
+van het veld, circa honderd zakken, ongeplukt laten, daar hij ze niet meer verwerken kon. De vochtigheid is juist aan het
+Canal du Segond verbazend groot; er verloopt haast geen dag zonder regen.
+
+</p>
+<p>Wij stonden op het kleine koraalstrand, dat de oevers van het kanaal omzoomt. Onze kle&ecirc;ren waren doorweekt van den regen,
+dien we hadden meegenomen van het gras en de struiken van de plantage. Het water leek slaperig en dik; alles rook modderig,
+en bruine regenwolken kwamen aandrijven uit het midden van het eiland over de bergen en het oerwoud. Door de zware lucht druilde
+een fijne motregen, die alles doordrong. De messen in onze zakken gingen roesten, en de lucifers wilden niet branden. Het
+was trouwens al maanden zoo, en men behoeft zich niet te verwonderen, dat in die omstandigheden de malaria haar slachtoffers
+maakte. De heer Ch. zag er na een jaar al uit als een verlorene, broodmager, geel en uiterst zenuwachtig, en met zijn vrouw
+was het al niet beter gesteld. Zij was een dame uit de beste kringen, een Fransche, die haar man was gevolgd en met hem voor
+zijn fouten boette. Ze hield zich dapper, kookte en waschte en vervulde de plichten van een plantersvrouw, terwijl ze vroeger
+zich in het geheel niet met de huishouding bemoeide. Tot steun had ze enkel een inboorlingenvrouw, die weinig uitrichtte.
+
+<a id="d0e263"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e263">369</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-369.jpg" alt="Gezicht in een dal van Centraal Espiritu Santo." width="720" height="402"><p class="figureHead">Gezicht in een dal van Centraal Espiritu Santo.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>We keerden terug naar het eenvoudige houten huis, dat ongeveer tweehonderd meter van den oever verwijderd stond. De zwarte
+dekte juist de tafel voor den avondmaaltijd, wat haar blijkbaar veel moeite kostte en hoofdbreken, maar welke bezigheid ze
+verrichtte met kinderlijke zorgvuldigheid en onder het uitstooten van moeilijk verstaanbare inlandsche klanken en veel zuchten.
+Het was een gedrongen vrouwtje uit het Noorden van Malekula, waar het ras leelijk is. Een laag voorhoofd, kleine, diepliggende
+oogen en een mond als een snuit gaven haar een dierlijk voorkomen. Daarbij was haar kleine hoofd kaalgeschoren, en in haar
+mond ontbraken de middelste bovensnijtanden als bewijs, dat ze eenmaal getrouwd was geweest. Wij mannen maakten ons vaak vroolijk
+over het arme schepsel, maar voor de huisvrouw werd haar goedwilligheid slechts een kale troost voor haar gebrek aan geoefendheid.
+
+</p>
+<p>Men kan trouwens niet ontkennen, dat de vrouwen van deze eilanden, waar ze maatschappelijk laag staan, niet zoo leerzaam en
+intelligent zijn als de mannen, omdat ze van der jeugd onderdrukt worden en tot machinalen arbeid opgeleid. Maar in dien lichamelijken
+arbeid zijn ze krachtig en flink en vlijtiger dan de mannen. Na het eenvoudige maal van vleesch uit een bus, yams en bananen
+kwam de voorwerker, iemand, die voor eenige jaren nog een echte wilde was uit het zeer gevaarlijke en ook nu nog niet ontsloten
+noordelijk district van Malekula. Ook zijn hoofd was kaalgeschoren met uitzondering van een plek boven het voorhoofd, waar
+de mode een pruikje haren wil zien. Hij was welgebouwd en zag er goed gevoed uit, terwijl hij zich met natuurlijke beleefdheid
+bewoog. Hij had iets vriendelijks in den blik en hij sprak met zachte stem. Zijn lijf leek in het lampenschijnsel een bronzen
+standbeeld.
+
+</p>
+<p>De heer Ch. zei hem, dat de menschen dien avond verder moesten werken; maar vooraf wou hij hun een glas wijn geven ter opwekking.
+Aan alcohol zijn de inboorlingen verslaafd, en gewetenlooze kooplieden maken daar misbruik van. Wel is het afgeven van alcohol
+aan inlanders verboden bij de wet van het condominium; maar van franschen kant wordt daar niet de hand aan gehouden. Vandaar
+dat er niet weinig planters zijn, die groote sommen door den alcohol verdienen en met hun handel den ondergang van de inboorlingen
+bewerken. Anderen gaan daarbij indirect te werk, door namelijk elken Zaterdag aan de zwarten wijn en jenever te geven, waardoor
+dezen bij hen in schuld raken en vaak hun heele weekloon verdrinken. Willen ze dan na afloop van hun contract naar huis terug,
+dan wordt hun duidelijk gemaakt, dat zij bij hun meester nog diep in de schuld staan en minstens nog een half jaar moeten
+dienen, om hun schulden af te doen. De arme kerels drinken natuurlijk verder en komen nooit uit de schuld en nooit naar huis.
+Deze praktijk dateert nog maar van de laatste jaren en is een gevolg van het gebrek aan werkkrachten, maar tevens is ze een
+manier van slavernij. Zoo&#8217;n arbeider is namelijk zoo goed als rechtloos, omdat de blanken niet tegen elkander zullen getuigen,
+en als er al eens een ambtenaar kwam ter contr&ocirc;leering, wat bij de Franschen haast nooit gebeurt, dan kan de een of andere
+<a id="d0e275"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e275">370</a>]</span>schriftuur gemakkelijk worden voorzien van een kruisje, dat, onzinnig genoeg, als onderteekening van den inboorling wordt
+erkend, en als document tegen den zwarte worden gebruikt.
+
+</p>
+<p>Mijn gastheer behoorde niet tot die klasse van planters; zijn europeesch geweten was nog wakker. Maar het moet gezegd, dat
+hij, helaas, zich ook hierin heeft geacclimatiseerd en later wel dingen heeft gedaan, die hij als socialist eigenlijk niet
+zou kunnen verantwoorden. Het afgeven van alcohol als medicijn aan zwarten, dat geoorloofd is, maakt het misbruik maar al
+te gemakkelijk.
+
+</p>
+<p>De arbeiders waren dan ook dadelijk bij de hand, en ieder wachtte begeerig, tot zijn beurt kwam; eenigen dronken haastig,
+anderen met kleine slokjes als kenners; maar allen droegen zorg, zich ter zijde te wenden bij het drinken, net of ze een soort
+van schaamte gevoelden. Daarna gingen ze lachend aan het werk, en de zieken verschenen ten tooneele. Het waren meest tuberculeusen,
+verkouden menschen, menschen met verteringsbezwaren, koorts en infecties, en men kan nagaan, dat de behandeling al heel primitief
+en ondoelmatig is. Er wordt wat gewerkt met likkepotjes, patentmedicijnen en universeele geneesmiddelen, en de blanken wagen
+zich er maar aan, want de goede natuur geneest gelukkig veel, ofschoon de mensch haar wel eens in de wielen rijdt.
+
+</p>
+<p>De heer Ch. heeft koorts, maar wij gaan toch naar de werkloods. Het was pikdonker, en de lucht drukkend als in een warme broeikas.
+De branding kon men hooren bruisen, en de regenwind zwiepte het oerwoud. <span id="d0e283" class="corr" title="Bron: Nn">Nu</span> en dan kraakte er een zware tak. Al uit de verte klonk het geluid van de machine, die de ma&iuml;skorrels uit de kolven haalt.
+Twee aan twee draaien de arbeiders aan de drijfraderen, die hun amusement schijnen te verschaffen, want hoe sneller en luider
+het gaat, des te onderhoudender schijnen ze het te vinden. De paren zijn met zorg uitgekozen, en het is een eer, zoo lang
+mogelijk en zoo krachtig mogelijk te draaien, waarbij ze elkander met geschreeuw aanvuren. Het leek, alsof ze op een dansfeest
+waren, waar ze ook den heelen nacht kunnen springen en huppelen onder gelach en geschreeuw. Zoo kon men alleen den werklust
+begrijpen, die allen had aangegrepen, en hun verlangen, om maar weer aan de zware raderen te mogen draaien.
+
+</p>
+<p>Wij gingen bij den trechter staan en gooiden de groote kolven tusschen de raderen. Er waren reuzenexemplaren bij, waarvan
+het haast jammer was, ze te vermorselen. Maar onverbiddelijk gingen ze in de machine, werden door de tanden gegrepen en onder
+knarsende ratels, verwreven. Een heldergele stroom van ma&iuml;skorrels en een armzalig dun kolfje rolden uit de machine. Dat laatste
+wordt door de arbeiders op zij geworpen, en er hoopt zich bij de machine een berg van ma&iuml;skorrels op. Met emmers worden de
+korrels naar de zuiveringsmachine gevoerd, waar een systeem van zeven alle onreinheden verwijdert, waarna men de ma&iuml;s in zakken
+pakt, ze dichtnaait en merkt.
+
+</p>
+<p>Tegen middernacht stond een statige rij prachtig volle zakken in de loods, en de heer Ch. gaf het sein tot ophouden, waarna
+de arbeiders gingen slapen. Maar de meesten, door den dansduivel bezeten, wilden niet van ophouden weten, en toen wij door
+een stofregen naar huis gingen, hoorden we de machine weer dreunen. De heer Ch. was op van de koorts, en vermoeid legden we
+ons te bed. Den volgenden morgen om zes uur begon het werk in de koffie, en in den nacht was weer de ma&iuml;s aan de beurt. Dat
+duurt zoo drie dagen. Dan zijn de menschen doodmoe en als lamgeslagen.
+
+</p>
+<p>Op een morgen kwam een inboorling aan het huis en meldde, dat er &#8220;men bush&#8221; waren, menschen uit het binnenland. We gingen
+op de veranda en zagen magere gestalten met zware haarvlechten met lichten tred over het smalle pad naderen. Achter hen op
+eenigen afstand volgde een heele schaar, die bij het laatste heestergroepje op den grond gingen zitten en schuw en opmerkzaam
+rondkeken, terwijl de eersten wantrouwig het huis naderden. Bijna allen droegen geweren, oude Snidergeweren, die altijd geladen
+en gespannen zijn. De mannen bleven een poosje stom bij de veranda staan, tot eindelijk een van hen in gebroken &#8220;pidgin&#8221; Engelsch
+een woord mompelde. Hij duidde de waren aan, die hij en zijn vrienden wilden koopen, messen, bijlen, patronen, kruit, tabak,
+aarden pijpjes, lucifers, katoen en glazen kralen. &#8220;All right&#8221;, zei de heer Ch., en eenige mannen haalden van de achtergeblevenen
+keurige, voor dit doel van palmbladeren gevlochten manden, vol copra.
+
+</p>
+<p>Ieder, vooral de vrouw, doet mee aan het dragen, en de last komt vaak van ver uit hun dorpen en moet over slechte wegen worden
+vervoerd soms dagen lang, om de gewenschte artikelen te erlangen. De manden werden gewogen en de ervoor afgegeven hoeveelheid
+waren voor iederen korf bepaald, waarbij de blanke hier een winst van honderd tot driehonderd procent opstrijkt. Op andere
+eilanden moet hij zich tegenwoordig met dertig procent tevreden stellen. Ieder stuk wordt door de zwarten onderzocht; elke
+pijp geprobeerd of ze wel wil trekken; de lucifers afgestreken, of ze willen branden, en de scherpte van de messen wordt beproefd,
+terwijl de schuwe menigte op den achtergrond met gespannen opmerkzaamheid toeziet.
+
+</p>
+<p>Toen de langwijlige ruil was afgeloopen, keerden de afgezanten terug; het gezelschap stond fluisterend op en was in een wipje
+verdwenen. In het dichtstbij zijnde bosch lieten ze zich neer, verdeelden de inkoopen, die bestonden uit misschien een dozijn
+pakjes lucifers, twee kilo tabak, twintig pijpen, een mes, een paar gordels en een pak katoen, geen schitterende vergoeding
+voor den bezwaarlijken tocht. Meestal overnachten ze dan nog in de buurt onder overhangende rotsen, zoo maar op de steenen,
+gelegerd om een groot vuur, kauwen wat scheepsbeschuit, die ze hebben gekocht en keeren des morgens terug. Vaak hebben ze
+een beetje geld, als ze een paar dagen bij een blanke hebben gewerkt. Ofschoon ieder planter een winkel heeft, koopen ze toch
+veel liever bij zijn buurman uit een vaag, maar niet volkomen ongemotiveerd wantrouwen.
+
+</p>
+<p>Voor een werktijd van langeren duur verhuren ze zich zelden en enkel, als ze een grooter voorwerp willen koopen, meestal een
+geweer, waar <span id="d0e298" class="corr" title="Bron: onder">zonder</span> de inboorling zich niet graag ergens vertoont. Dan werken gewoonlijk een aantal mannen samen voor een enkele, die hen later
+naar inlandschen trant voor de hulp schadeloos stelt, door hun varkens ten geschenke te geven of hun op andere wijze diensten
+<a id="d0e301"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e301">371</a>]</span>te bewijzen. Op de plantages zijn ze vreesachtig, wantrouwend en vaak lui, maar ongevaarlijk, zoolang men ze niet hindert
+of prikkelt. De heer Ch. had lang achtereen al aan dertig van zulke daglooners werk gegeven, tot eens &eacute;&eacute;n van hen in de nabij
+zijnde rivier viel, hangen bleef tusschen geknikt bamboe en, daar hij niet kon zwemmen, verdronk. Volgens de inlandsche rechtsbegrippen
+was dat de schuld van den heer Ch., en hij had voor den doode boete moeten betalen, wat hij uit onbekendheid met de volkszeden
+niet deed.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-371-1.jpg" alt="Strand van Zuid-Malekula met reuzenboomen." width="621" height="455"><p class="figureHead">Strand van Zuid-Malekula met reuzenboomen.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Eerst was er algemeene ontsteltenis onder de vrienden van den gestorvene; niemand wou meer naar de rivier gaan, en spoedig
+trokken de menschen af, verschenen na een paar dagen met geweren en zwierven om het huis, om bloedwraak te nemen. De heer
+Ch. werd door de andere arbeiders, die van Malekula herkomstig waren, gewaarschuwd, anders zou hij stellig verraderlijk vermoord
+zijn. Hij wapende zijn lieden en ging zelf nooit ongewapend uit het huis; maar toch duurde de onbehagelijke toestand eenige
+weken, eer de inboorlingen tot kalmte waren gekomen en verdwenen. Voortaan kwamen nu echter ook geen arbeiders meer.
+
+</p>
+<p>Men kon trouwens aan deze &#8220;men bush&#8221; geen vertrouwen schenken. Thans waren ze nog onder den indruk van een goed geslaagde
+strafexpeditie van een paar oorlogsschepen in het vorige jaar, toen eenige inboorlingen een ouden, goedmoedigen planter, die
+de inboorlingen van alle blanken wel het allerbeste had behandeld, plotseling doodgeschoten hadden en zijn beide dochters
+met bijlen hadden geslagen, om zijn, naar ze meenden, welvoorzien wapenmagazijn te rooven. Ze hadden echter niet veel gevonden
+en moesten hun daad met het verlies van hun dorp en hun have en goed boeten.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-371-2.jpg" alt="Vrouwen van Oost-Malekula bij den verkoop aan het strand." width="620" height="392"><p class="figureHead">Vrouwen van Oost-Malekula bij den verkoop aan het strand.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Den derden avond was nu alles klaar voor de verzending. We zaten nog aan den avondmaaltijd in de gewone zware, vochtige lucht.
+Plotseling klinkt een lang gefluit: &#8220;De Pacific!&#8221; Alles springt op in blijde verrassing, want de stoomboot brengt een beetje
+beschaving, en haar aankomst is het besluit van een drukke week, de hoofdgebeurtenis aan het Canal du Segond, want men rekent
+hier niet naar maanden, maar per &#8220;Pacific&#8221;.
+
+</p>
+<p>Alles snelt naar het strand en zet op bepaalde punten lantaarns neer, om het schip de ankerplaats te wijzen. Dan gaat men
+in huis terug, trekt een nieuw, wit pak aan en wekt de arbeiders uit den wel verdienden slaap. Ze komen langzaam en nog half
+in den dut en weten, dat hen een zware nacht wacht door het laden van de zakken in de boot. Intusschen komt het schip snel
+nader, kolossaal en feestelijk in de duisternis; dan zoekt het langzaam naar de plaats, waar het anker moet vallen, en na
+een oogenblik ligt de lange rij van helder verlichte vensters rustig op het water, en de spiegeling schommelt onregelmatig
+op de golven door het zwart van den nacht. Dan duiken ook al uit alle richtingen de bootslantaarns op van de aanvarende planters,
+die hun lading opgeven en de post afhalen, om aan boord een genoegelijken avond door te brengen.
+
+</p>
+<p>Er waren dezen keer nog een paar reizigers aan <a id="d0e323"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e323">372</a>]</span>boord, planters van andere eilanden, die naar Vila, Noum&eacute;a of zelfs naar Sydney wilden, en spoedig was men aan het drinken
+en spelen, waaraan eerst een eind kwam, toen de rooksalon gesloten werd. Den heelen volgenden dag bleef de &#8220;Pacific&#8221; in het
+Kanaal, nam van alle planters goederen in, en nog twee dagen duurde de feeststemming. Toen herstelde zich de rust met het
+eentonige leven van iederen dag.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-372-1.jpg" alt="Vrouwen en meisjes op Malekula." width="618" height="459"><p class="figureHead">Vrouwen en meisjes op Malekula.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Eenige dagen later beproefde ik aan den zuidwesthoek van Santo, waar de inboorlingen uit het bosch zich vaak moesten vertoonen,
+dienst personeel te huren. Een buurman van Ch. wou in zijn kleine kotter erheen varen, om verfhout van de inboorlingen te
+koopen, hout, dat ze gebruiken voor het verven van hun grasmatten. Hij dacht, dat dan weer op Malekula aan inboorlingen te
+verhandelen. Ik verzocht <span id="d0e332" class="corr" title="Bron: hen">hem</span>, mij mee te nemen, wat hij gaarne deed. Wij voeren dus op een regenmorgen door het Kanaal, maar moesten spoedig ankeren,
+omdat er geen wind was en de tegenstrooming ons dreigde, terug te voeren. We gebruikten den wachttijd voor een bezoek aan
+den heer R., die behalve anarchistische beginselen ook een kokos- en cacaoplantage kweekt, zoo flink in orde, dat ze in scherpe
+tegenstelling was met zijn antikapitalistische stellingen. Hij was een van die niet zeldzame fransche kolonisten, die, afkomstig
+uit zeer bescheiden boerenkringen, van de koloni&euml;n niets anders verwachten, dan zich een betere maatschappelijke positie te
+scheppen. Spaarzaam, vlijtig, aan harden veldarbeid gewend, had hij zich van een heel klein begin af langzaam omhoog gewerkt
+en was nu nog op jeugdigen leeftijd eigenaar geworden van een groote plantage, die hem tot een welgesteld man maakte en hem
+rijk zou kunnen doen worden. Dat goede boerenslag, waar Frankrijk zoo rijk aan is, levert de beste kolonisten, terwijl die
+menschen, die in korten tijd geld willen vergaren, zooals mijn gastheer, niet buiten schulden bij de handelshuizen in Noum&eacute;a
+kunnen blijven.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-372-2.jpg" alt="Offertafel in Zuid-Malekula." width="621" height="463"><p class="figureHead">Offertafel in Zuid-Malekula.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Die huizen leenen geld tegen zeer hooge rente en verlangen bovendien, dat alle waren van hen betrokken worden en alle voortbrengselen
+aan hen moeten worden verkocht. De prijzen van hun goederen bepalen ze zelf, zoodat de renten van het geleende kapitaal wel
+oploopen tot dertig procent en meer.
+
+</p>
+<p>Naast die beide categorie&euml;n van planters van fransche afkomst is er dan nog een derde, die ook met de Noum&eacute;a-groep in betrekking
+staat, maar met het eiland Nou. Men zal die later ook leeren kennen.
+
+</p>
+<p>Nadat wij de plantage van den heer R. in voldoende mate hadden bewonderd, waarbij hij zich iemand toonde, die elke plant kende
+met naam en toenaam en overal een dor blad had af te plukken of een takje af te snijden, voeren we verder en kwamen in den
+vroegen morgen bij Tangoa <a id="d0e346"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e346">373</a>]</span>aan. Op dat eilandje is de centrale school van de presbyteriaansche zending, waarheen uit den geheelen archipel de begaafdste
+inboorlingen worden gezonden, om te worden opgeleid tot onderwijzer. Het uiterlijk van die school maakte een aardigen indruk.
+De eene helft van het eiland had men ontboscht en tot groene weiden gemaakt, waar groote boomen wat schaduw op wierpen. Op
+een gedeelte ervan weidde het vee, een ander was tot park geworden, en daarin lagen de woonhuizen van den directeur en de
+onderwijzers. Men zou kunnen gelooven, een engelsch landgoed te zien. Ik gaf mijn brieven aan den directeur af, en hij vroeg
+mij, of ik van plan was, de &#8220;missing link&#8221; te vinden, wat hij heel grappig scheen te vinden. Ik nam al spoedig afscheid.
+
+</p>
+<p>Wij brachten aan boord een paar dagen door; maar de inboorlingen kwamen trots talrijke dynamietontploffingen, waardoor men
+aangeeft, dat men met hen handel wil drijven, niet van de bergen naar beneden. We zagen hun vuren ver in het binnenland bij
+de Piek van Santo. Wij flaneerden langs den oever en vischten.
+
+</p>
+<p>Ik zag toen een methode van visschen, die elders ook wel wordt toegepast,namelijk door vergiftiging van het water. Een der
+leerlingen van Tangoa gebruikte de tijd van eb, om op de steenen in de poelen van het rif een zekere vrucht kapot te wrijven.
+Het sap van die vrucht verdooft na eenigen tijd de visschen, die dan onbewegelijk aan de oppervlakte komen drijven of krampachtig
+in een kring rondzwemmen en gemakkelijk met de hand kunnen worden gevangen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 405px"><img border="0" src="images/p1917-373.jpg" alt="Groep op de dansplaats van een hooge kaste op Malekula." width="405" height="720"><p class="figureHead">Groep op de dansplaats van een hooge kaste op Malekula.</p>
+<p>Bovenaan den met snijwerk versierden paal is een pop bevestigd, het wapen van een hooge kaste op het eiland.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Nadat verscheiden dagen in ledigheid waren doorgebracht, geen prettigen lediggang, want het regende onophoudelijk, en aan
+boord van de kotter was weinig gerief, wou ik naar het Canal du Segond terugkeeren, want ik verwachtte met de engelsche stoomboot
+mijn bagage, daar ik niet alles aan boord van de &#8220;Gallia&#8221; had kunnen meenemen, en ik wilde mij meteen een en ander aanschaffen
+voor het geval, dat het mij gelukte, personeel te krijgen.
+
+</p>
+<p>Ik moest te voet gaan, want de kotter was nog niet klaar met de zaken, maar ik kon voor den kleinen afstand geen gids huren.
+De afstand was ongeveer vijftien kilometer, en ik besloot, alleen te gaan, hoewel men het mij afried. Ik geloofde echter,
+met het kompas den weg te kunnen vinden en in staat te wezen, met behulp van enkele paden er mij door te slaan.
+
+</p>
+<p>Daarom marcheerde ik dienzelfden morgen met wat proviand en een stomp kapmes weg, eerst op een goed pad, dat zich echter spoedig
+in het woud verloor. Ik volgde met het kompas de richting, maar kwam aan een lagune, die mij tot een grooten omweg noodzaakte.
+Toen volgde ik een pad, dat plotseling ophield. Ik stond voor bijna ondoordringbaar lianen-struikgewas, waar ik met mijn stomp
+mes haast niet doorheen kon. Vaak klauterde ik over stammen of moest op handen en voeten kruipen, en dan kwamen weer meer
+open plekken, moerassen, rotspartijen, kortom, ik maakte in korten tijd grondig kennis met het beruchte woud op Santo. Maar
+ik had toch het gevoel, verder te komen en was wel eens bang, dat ik mijn doel al voorbij was gegaan.
+
+</p>
+<p>Tegen vier uur kwam ik aan een rivier, waarin ik waadde naar den overkant; maar mijn teleurstelling was groot, toen ik zag,
+dat ik mij niet meer dan vijftienhonderd meter van de op den morgen geziene lagune had verwijderd. Dat was een schrale belooning
+voor de inspanning van acht uren. Ik wou toch niet omkeeren en vervolgde mijn weg langs het strand. Het was niet bepaald prettig
+loopen, daar op het strand van die kantige stukken koraal lagen, en de uitgeslepen koraalbodem er messcherpe punten en kanten
+had. Daarbij kwam ik telkens aan spleten, waarin de branding bruiste, en waarover ik moest springen. Er brak een koraalplaat
+onder mij, en ik kwam in een spleet en schaafde mij het scheenbeen en de handen op onverkwikkelijke manier. Maar hier kwam
+ik tenminste vooruit, beter dan in het <a id="d0e367"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e367">374</a>]</span>oerwoud. Soms werd de oever hoog, en er volgde een klimpartij. Tot overmaat van ramp overviel mij de nacht, en in donker kon
+ik geen pas doen, zonder de kans te loopen in een spleet te storten. Ik moest maar gaan zitten op den koraalbodem, waar die
+het minst scherp leek, en wachten. Een poging, om een vertroostend vuurtje aan te leggen, mislukte volkomen; de nacht was
+pikdonker en er viel een fijne regen.
+
+</p>
+<p>Zelden heeft mij een nacht langer geschenen, en zelden voelde ik mij zoo verlaten. Maar de schemering bracht nieuw leven;
+ik klauterde verder, zwom door verscheiden lagunen, waarin, naar men mij later vertelde, het van haaien krioelde, en ten slotte
+hielden de koralen op. Nadat ik nog twee uren lang tot het middel door het zeewater langs de kust had gewaad, zonk ik uitgeput
+bij de plantage van den heer R. aan den oever neer. De eigenaar was afwezig, en de boys verwezen mij naar zijn buurman, waar
+ik juist tijdig aankwam voor het middagmaal. Dat smaakte uitstekend na de vermoeienis, al bestond het slechts uit vliegenden
+hond. Een kotter nam mij op en bracht mij &#8220;naar huis&#8221;, naar den heer Ch. Ik had de onherbergzaamheid van het oerwoud van nabij
+ervaren en heb sindsdien nooit meer wandelingen zonder gids ondernomen.
+</p>
+<hr class="tb"><p>
+
+</p>
+<p>Na eenige dagen kwam de engelsche stoomboot, maar daarmee nog geen uitzicht op verbetering van mijn positie. Ook de opmetingsexpeditie
+kwam aan, maar daar ze zelf niet genoeg bediening had en vooreerst aan de onbewoonde kust werkte, kon ik van haar vriendelijke
+aanbiedingen geen gebruik maken. Ik bleef op de plantage en hield mij bezig, zoo goed het ging, en las de heele collectie
+fransche romans van den heer Ch., tot het hoofd mij omliep van al de dwaasheid.
+
+</p>
+<p>Eindelijk kwam er dan een gelegenheid, om ten minste &#8220;wilden&#8221; te zien.
+
+</p>
+<p>Greorges, de zoon van een buurman, had zich bereid verklaard, voor den heer Ch. arbeiders te werven. Zooals ik al zei, is
+het krijgen van werkkrachten voor den planter op de Nieuwe Hebriden het hoofdprobleem. Vroeger had de werving plaats niet
+door de planters zelven, maar door beroepswervers en was geworden tot een formeele slavenjacht. Met hun schepen kwamen ze
+aan de kust, schonken sterken drank aan de inboorlingen en sleepten ze in dronkenschap aan boord, om ze te verkoopen, of lokten
+ze door allerlei voorspiegelingen op het schip, om ze dan op te sluiten. Veelzijdig en wreed waren de middelen, die deze zeeschuimers
+gebruikten. Moord en doodslag waren aan de orde van den dag, en het was dan ook geen wonder, dat de wervers door de inlanders
+gehaat werden en aangevallen werden, waar de gelegenheid zich maar voordeed.
+
+</p>
+<p>De betere elementen onder de kolonisten konden met die toestanden geen vrede hebben, en de regeering ziet tegenwoordig op
+de werving toe; beroepswervers zijn er nog maar weinige, daar de inboorlingen zich alleen willen laten huren door een eigenaar
+van een plantage, dien ze hebben gezien, en ieder planter vaart thans zelf op zijn zeilboot uit, om arbeiders te zoeken, waar
+hij maar denkt, ze te zullen vinden.
+
+</p>
+<p>Terwijl van engelsche zijde zeer strenge voorschriften de werving regelen, en aan de bepalingen nadrukkelijk de hand wordt
+gehouden, is het bij de Franschen, precies als bij den alcoholhandel, de regeering drukt een oogje toe en bemoeit zich op
+de noordelijke eilanden zoo goed als niet met de werving en de behandeling van de arbeiders. Er gebeuren daar in stilte nog
+allerlei gruwelen, en men mag gerust beweren, dat de slavernij er nog bloeit.
+
+</p>
+<p>Op de volgende bladzijden zal men nog hooren van een paar gevallen; maar ik wil hier toch een en ander over de werving vertellen.
+
+</p>
+<p>Terwijl in vroeger jaren de inboorlingen door onervarenheid, door reislust en begeerte naar handelsartikelen bij honderden
+op de werfschepen werden gedreven, is dat tegenwoordig slechts in weinige en zeer afgelegen districten het geval. Daarentegen
+kennen de inboorlingen de toestanden, die ze zullen aantreffen, en ze kunnen, indien ze willen, al wat hun hart begeert, zich
+door den handel in copra verschaffen. Dus nu komen er heel andere prikkels in werking, die de inboorlingen naar den arbeid
+drijven.
+
+</p>
+<p>Vaak is het bij jonge mannen de wensch, naar den vreemde. te trekken, andere eilanden te zien en uit de engte van den eigen
+kring te komen, waar, vooral op sexueel gebied, strenge regels gelden, en waar de heele stam op hen toeziet. Menigmaal is
+het ook de wensch, geld te verdienen voor den aankoop van de thans zeer dure vrouwen, die ze niet kunnen missen bij het winnen
+en bereiden van de copra. Dan drijft velen de angst voor de vervolging van machtige hoofden en toovenaars, om een toevlucht
+te zoeken op de werfschepen. Maar behalve aan hen bieden deze schepen ook een schuilplaats aan allerlei misdadigers, wien
+de grond onder de voeten thuis te warm is geworden, en aan de liefdespaartjes, die aan de woede willen ontkomen van een wraakgierig
+bloedverwant of een bedrogen echtgenoot. Zoo wordt het werfsysteem indirect een steun voor de toch al voor het ras zoo nadeelige
+anarchie en zedeloosheid, ja, het is daarop eigenlijk alleen gebaseerd. Dit zien de wervers wel in, en daarom stoken ze zoo
+dikwijls de vuurtjes, die wanorde stichten.
+
+</p>
+<p>Als men weet, dat er ergens in het land oorlog is, dan verzamelen zich aan de kust de schepen, om de vluchtelingen op te nemen.
+Is er geen oorlog, dan zoekt men ook wel door intriges verwarring te stichten. Men deelt alcohol uit, die twist veroorzaakt,
+en neemt den volgenden morgen de inboorlingen, die physieken en moreelen Katzenjammer hebben, aan boord of overreedt dronken
+knapen tot meegaan door voorspiegelingen van de vreugde, die hen wacht op de plantages, waar wijn en vrouwen zijn en dansen.
+Lukt het ook dan niet, dan overvalt men badenden aan het strand of drijft heele famili&euml;n door gewapenden, die veelal van de
+Loyalty-eilanden komen, naar de schepen. Ook tracht men vrouwen te lokken, om door haar de jongelieden aan te trekken. Neen,
+het zijn geen mooie middelen, die het meerendeel der wervers aanwenden, en het is gemakkelijk te begrijpen, dat ze bijna overal,
+waar ze zijn geweest, <a id="d0e391"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e391">375</a>]</span>een verscheurd familieleven, ontevredenheid en wrok achterlaten en een sterken haat tegen zichzelven en tegen de blanken in
+het algemeen.
+
+</p>
+<p>Er zijn vooral onder de engelsche kolonisten velen, die zich, hetzij noodgedrongen of uit principe, in het geheel niet van
+zulke middelen bedienen. Dan hebben verscheiden van die kolonisten een bepaald recruteeringsdistrict, waar zij en hun plantages
+goed bekend zijn, waar de inboorlingen dus weten, welke behandeling hen wacht, en weten, dat ze ter rechter tijd naar huis
+worden gebracht en hun volle loon meekrijgen. Die kolonisten hebben dan ook bijna altijd een voldoend aantal arbeiders.
+
+</p>
+<p>De techniek van het werven houdt in, dat het kleine zeilschip een paar honderd meter uit de kust voor anker gaat liggen en
+twee booten met gewapende bemanning naar den wal stuurt, waar &eacute;&eacute;n boot zich dichtbij de kust ophoudt en met de aan het strand
+op het hooren van de dynamietontploffing te zamen gekomen bevolking een bespreking houdt, terwijl de andere boot verder naar
+buiten de inboorlingen bewaakt, om bij den eersten aanval op hen te vuren en de eerste boot den terugtocht gemakkelijk te
+maken. De blanke blijft meestal aan boord van de zeilboot achter. Die voorzichtige taktiek is nu nog maar op weinig plaatsen
+noodig, doch daar men nooit kan weten, wat de blanke voorganger op zulk een plaats heeft uitgevoerd, en de inboorlingen dan
+daarvoor op den volgende blanke wraak nemen, is het wijs, den ouden regel te volgen.
+
+</p>
+<p>Ik wil hiermee niet beweren, dat de inboorlingen nooit zonder provocatie aanvallen. Dat overkwam al aan Cook op Erromango,
+en hij had toch stellig nooit de inboorlingen gekwetst, op welke manier ook. De Melanesi&euml;r echter is een bloeddorstig wezen,
+als hij meent, de sterkste te zijn; maar tegenwoordig moeten stellig zonder uitzondering alle aanvallen op werfschepen op
+de Nieuwe Hebriden aan misgrepen van blanken worden toegeschreven.
+
+</p>
+<p>Daar een van de regeeringen van het condominium zoo goed als niets uitvoert, wat de misbruiken kan tegengaan, en aan den anderen
+kant de plantages zonder voldoende werkkrachten te gronde moeten gaan, zou het in het belang van de inboorlingen zijn, alsook
+in dat van de planters, als het tegenwoordige werfsysteem geheel werd afgeschaft en daarvoor in de plaats een arbeidersconscriptie
+werd ingevoerd van wege de regeering. Daarmee zou het ras zijn gediend en de degelijke kolonisatie eveneens.
+
+</p>
+<p>Het werven van arbeiders is dus volstrekt geen onschuldig of gevaarloos werk, vooral niet aan de noord westkust van Malekula,
+waar nog totaal primitieve en zeer krijgshaftige en groote stammen wonen.
+
+</p>
+<p>Georges, onze kapitein, was een merkwaardige knaap. Hij was zeventien jaar, maar men zou hem best veertig kunnen geven. Bleek,
+met kleine, grijze oogen en een wantrouwigen blik, een zwak gekromden neus, smalle lippen, liep hij met hooge schouders en
+gebogen knie&euml;n altijd blootsvoets, in een blauwen werkmansbroek, een groen hemd en met een ouden, verweerden vilten hoed.
+Hij sprak weinig, en als hij praatte, gebeurde het zoo snel en zacht, dat haast niemand hem kon verstaan behalve zijn boys,
+die instinctmatig zijn bevelen begrepen. Maar hij was een uitstekend zeeman, kende de zee op zijn duimpje en wist zijn scheepje
+te besturen. Dat scheepje, drie meter breed en zes tot zeven meter lang, was zeer geschikt voor een verblijf van een dag of
+twee, drie; maar voor een reis van verscheiden weken was het totaal onvoldoende, vooral omdat het dek door talrijke kisten
+en voorraden was ingenomen, zoodat voor ons beiden slechts een kleine ruimte bij het stuur en de miniem kleine hut overbleef.
+Die hut was twee meter lang, anderhalven meter hoog, en daar waren al onze voorraden gepakt, de kle&ecirc;ren, de geweren, de ruilgoederen
+enz. Alleen kruipend kon men er zich bewegen, en als we met ons beiden waren, moesten we ons in de onmogelijkste bochten wringen,
+om naar dit of dat te reiken.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 212px"><img border="0" src="images/p1917-375.jpg" alt="Mannen uit Big Nambas met grooten bastgordel en snidergeweren." width="212" height="572"><p class="figureHead">Mannen uit Big Nambas met grooten bastgordel en snidergeweren.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Bij mooi we&ecirc;r, als men zich op dek in de frissche lucht kon ophouden, leek het best uit te houden, maar bij regen, en het
+regende zeer dikwijls en hevig, als men zich redden moest naar de kajuit, was het heel onaangenaam aan boord. Maar de heer
+Greorges had geen oog voor dergelijke kleinigheden. Ofschoon hij alles met gemak veel dragelijker had kunnen maken, gaf hij
+zich daarvoor geen moeite. Het zonne- en regenzeil werd zoo laag gespannen, dat men er net niet meer recht onder kon staan,
+en hoe irriteerend dat op den duur werkt, weet ieder die het heeft ondervonden, terwijl het even goed anders zou hebben kunnen
+gebeuren. Voor het eten had hij daarbij volstrekt geen zin. Niet enkel had hij blijkbaar geen fijnen smaak, maar ook geen
+menschelijke maag, want als hem maar het een of ander eetbaars in de hand kwam, rauw of gekookt, etenstijd of niet, hij slikte
+het begeerig naar binnen, en hij vond het een overbodige beslaglegging op zijn boys, wanneer ik nu en dan mij wat rijst kookte
+of een bord liet wasschen. Zoo had hij eigenlijk altijd gegeten, en als ik hem vertelde, dat het etenstijd was en de maaltijd
+klaar stond, hulde hij zich in zijn dekens en legde zich, zonder een woord te zeggen, neer, om te slapen.
+
+</p>
+<p>Het gevolg van een en ander was, dat ieder van ons zijn eigen leven leidde, wat de materi&euml;ele zijde betrof. Maar de gemoedelijkheid,
+die voor de vele ontberingen aan boord wat vergoeding had kunnen <a id="d0e414"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e414">376</a>]</span>geven, ontbrak geheel. Intusschen, het ging zoo ook wel.
+
+</p>
+<p>Sinds vele weken was het de eerste zonnige dag, toen we ons door de strooming uit het Kanaal lieten drijven; de riemen moesten
+helpen, als het al te langzaam ging. Na verscheiden uren kwamen we in de open zee; een frissche bries kreeg vat op ons, en
+vliegensvlug lieten we Santo en de kleinere eilanden Aor&eacute;, Malo, Tutuba achter ons.
+
+</p>
+<p>Blauwe, met wit schuim gekroonde golven hieven ons op, zoodat we ver de prachtige zee konden overzien; maar dan zonken we
+weer in een golfdal, van waaruit we de nabijzijnde golven dreigend zagen naderen. Achter ons schommelde de eene roeiboot zigzagsgewijze
+mee, zwevend als een eend op het water.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 351px"><img border="0" src="images/p1917-376-1.jpg" alt="Man van Big Nambas." width="351" height="569"><p class="figureHead">Man van Big Nambas.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>In den laten namiddag naderden we de noordpunt van Malekula en volgden dan de westkust naar het Zuiden, naar het land van
+de &#8220;Big Nambas&#8221;, ons reisdoel. In tegenstelling met de andere eilanden van den archipel biedt Malekula hier niet den aanblik
+van een dicht, groen tapijt. We zagen hier niet het ondoordringbare oerwoud met de wuivende kronen, de vele schakeeringen
+van het groen en de veelsoortigheid van den plantengroei, maar een nog al magere vegetatie, gras op de koraalriffen, eenige
+boschjes erachter, dan schraal woud tegen steile heuvels, op welker ruggen hoog bruingroen gras groeide. In het grijze licht,
+dat door nevels brak, was het niet juist een verheugende aanblik.
+
+</p>
+<p>Langs een verbrokkelde koraalkust, waar nu en dan een lichtgekleurd strand zich vertoonde, voeren we langzaam verder en wierpen
+tegen den nacht het anker uit in helder water, waarin men tot op een diepte van wel vijftien meter de wonderbare vormen van
+de koraalbanken en hun diepe, geheimzinnige kleuren kon herkennen. Het water was kalm als in een vijver, en toch bevonden
+we ons aan het strand van die reuzenzee, die zich naar het Westen tot aan de Torresstraat uitstrekt.
+
+</p>
+<p>Wolkenflarden dreven over de steile heuvels aan den oever, de sterren schenen waterachtig; het was heel eenzaam en stil, nergens
+een vuur of eenig geluid. Op het dek uitgestrekt, luisterde ik naar de branding, die zich in de vele bochten nu eens luider,
+dan weer zachter deed hooren. Het is het geweldige reinigingsproces van de zee, het onophoudelijke vermalen en uitwerpen van
+alle onreinheden, het langzame, onweerstaanbare verkleinen en vernietigen van allen afval van het vasteland, ja, van het vasteland
+zelf.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 350px"><img border="0" src="images/p1917-376-2.jpg" alt="Man van Big Nambas." width="350" height="570"><p class="figureHead">Man van Big Nambas.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De streek Big Nambas, aan welker kusten we ons bevonden, draagt haar naam naar de grootte van een zeker kleedingstuk, dat
+ten deele onze broek vervangt. In verschillende vormen is de nambas bijna in den geheelen archipel bekend, maar nergens vindt
+men het kleedingstuk in zoo kolossale afmetingen als hier. Big Nambas is nog de minst bekende streek van de eilandengroep;
+bijna nog nooit heeft een blanke het binnenland daar betreden. In tegenstelling met andere streken hebben de inboorlingen
+hier nog hun strenge organisatie behouden, en dat is waarschijnlijk de reden, waarom ze niet gedegenereerd en machteloos zijn
+geworden.
+
+</p>
+<p>Onder hen is nog de oude hoofdeninstelling krachtig, wat een waarborg is voor de orde in hun staatswezen. Het hoofd heeft
+natuurlijk het grootste belang bij het in standhouden van zijn machtsmiddelen, in de eerste plaats bij het aantal van zijn
+krijgers; hij onderzoekt daarom streng iederen moord of doodslag en iedere daad van wraak, die hem op een krijger kon komen
+te staan. Evenzoo verhindert hij kindermoord, zoodat hij, trots zijn willekeur, zijn hebzucht en wreedheid, over het geheel
+voor den stam zegenrijk werkt.
+<a id="d0e440"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e440">377</a>]</span></p>
+<p>Bijna overal is de eerbied voor het hoofd sterk verminderd, en het gevolg is, dat ieder alleen voor zijn eigen belangen zorgt,
+en zich recht verschaft en voordeel door wapengeweld en vergift, zoodat heele stammen binnen een enkele generatie geslonken
+zijn tot op een tiende van hun aantal. Daarbij kwamen kindermoord en veel ziekten, om het vernielingswerk te voltooien.
+
+</p>
+<p>Maar, zooals gezegd, Big Nambas is nog krachtig en kan de blanken op een afstand houden. Omdat echter van daar de opgewektste
+en flinkste arbeiders komen, beproeven de wervers telkens weer, er vasten voet te krijgen, wel met weinig resultaat, maar
+ze winnen toch enkelen. Op onze boot was als tolk een man uit Big Nambas, en van de vijf andere boys waren vier van Aoba,
+die een heel ander type vertoonden in voorkomen en taal, terwijl er &eacute;&eacute;n van Malekula bij was.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-377.jpg" alt="Zorgvuldig gebouwd mannenhuis op Vao." width="720" height="401"><p class="figureHead">Zorgvuldig gebouwd mannenhuis op Vao.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Bourbaki, zoo heette onze man uit Big Nambas op de plantage, had zich v&oacute;&oacute;r twee jaren laten aanwerven. Toentertijd was hij
+de moordenaar geweest van het groote hoofd met honderd-vijftien vrouwen, en nu was hij een zeer bruikbaar arbeidsleider op
+de plantage van den heer Georges. Een gemoedelijke, vroolijke vent, met brutaal gezicht en kleine, sluwe oogen, die zich in
+de europeesche kleeding zeer goed kon schikken. Hij was een van de weinige inboorlingen, die openlijk erkende, hoe smakelijk
+menschenvleesch was, en een jaar geleden moet hij ontroostbaar zijn geweest, toen hij bij een bezoek thuis een dag te laat
+kwam voor een kannibalenmaaltijd, en moet zijn vader bittere verwijten hebben gedaan, dat hij niet een portie voor hem had
+bewaard. Maar, afgezien van die smaakafdwaling, was Bourbaki een zeer net mensch, betrouwbaar, dienstvaardig en innig verheugd,
+nu en dan zijn papa en mama weer te zien. Wij hoopten, dat hij ons bij het werven goede diensten zou bewijzen en beloofden
+hem commissieloon.
+
+</p>
+<p>Toen Bourbaki zich had laten aanwerven, was het hoofd woedend geweest, dat hij zijn beul verloor en had bevel gegeven, den
+werver, een zwager van den heer Georges, te dooden. Eenige inboorlingen loerden op hem aan het strand en schoten op hem, toen
+hij in zijn boot ging; de blanke werd licht gewond, en een inlandsche vrouw, die achter hem in de boot zat, werd gedood. De
+boot verwijderde zich snel. Bourbaki vond het zoo erg niet, nu er maar &eacute;&eacute;n vrouw bij was omgekomen.
+
+</p>
+<p>De morgen was donker en regenachtig. We lieten een dyamietpatroon ontploffen en wapenden ons tot de tanden. Elk van ons had
+een revolver en een repeteerkarabijn; de boys kregen een oud geweer en vier patronen. De boot lag ongeveer tweehonderd meter
+van den wal; we konden het vlakke strand overzien. Daarachter steeg de dicht beboschte oever steil omhoog tot honderd meter
+hoogte.
+
+</p>
+<p>Op het water waren wij volkomen veilig, want de inboorlingendorpen liggen vrij ver naar het binnenland, en de menschen zelf
+schuwen de zee en komen enkel naar het strand, om nu en dan tusschen het koraalgesteente wat schelpen en mossels te zoeken.
+Ook bezitten ze geen vaartuigen, in tegenstelling met de oeverbewoners uit andere streken, die met <a id="d0e458"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e458">378</a>]</span>hun primitieve boombooten met uitleggers vaak verre reizen naar naburige eilanden ondernemen.
+
+</p>
+<p>Wij brachten Bourbaki, die zeer er naar verlangde, zijn verwanten te zien, naar land; op een smal pad verdween hij in het
+bosch met het geweer over den schouder.
+
+</p>
+<p>We keerden naar de boot terug en wachtten. Men mag bij het werven niet op tijd zien, maar moet zich wapenen met veel geduld,
+want alleen daardoor kan men op eenig succes hopen. De zwarten zelf hebben geen idee van de waarde van den lijd en geen begrip
+van de haast, die onze beschaving in het leven heeft geroepen.
+
+</p>
+<p>In den namiddag verschenen eenige naakte gestalten aan het strand. E&eacute;n van hen wenkte met een tak. Weldra kwamen er meer,
+en op het laatst waren het ongeveer vijftig man; op den achtergrond, half verborgen in het bosch, stonden eenige vrouwen,
+ongeveer een dozijn.
+
+</p>
+<p>We gingen in de booten, telkens twee boys en een blanke, en naderden langzaam de kust. De inboorlingen droegen geweren in
+de rechterhand en in de linker groote yamsknollen. Ze wilden ruilen. We beduidden hun, dat ze de geweren moesten neerleggen.
+Toen ze dat niet deden, spanden wij de hanen van onze geweren en toonden ons gereed, om te schieten. Daarop legden enkelen
+de wapens aan den boschrand neer, en de anderen gingen met hun geweren zitten en keken naar ons. Toen legden ook wij de geweren
+in de boot en toonden onze ruilwaren, tabak, lucifers, aarden pijpen en katoen.
+
+</p>
+<p>Het waren meest allen knappe mannen van iederen leeftijd. Hun uitzien was echter wild en dreigend, toen ze met hun yams naar
+de booten toekwamen. De knollen waren zeer groot en wij gaven &eacute;&eacute;n of twee rollen tabak ervoor of pijpen. Katoen en lucifers
+waren niet erg in trek. De menschen waren geheel naakt buiten een gordel van palmbast, dien ze eenige malen om het lijf hadden
+gewonden, zoodat hij als een dikke rol afstond. Daaromheen hadden ze gevlochten banden geslingerd van rood gekleurd gras,
+waarvan de uiteinden als langen kwasten ter zijde afhingen. Onder den gordel hing de nambas, die ook van rood gekleurd gras
+was vervaardigd. Daarbij kwamen nog kleinere sieraden, als oorringen van schildpad, <span id="d0e470" class="corr" title="Bron: bamboes-kammen">bamboe-kammen</span>, armbanden en halskettingen van schelpen. Maar op de mooie, lenige lichamen zat een hoofd, dat aan de geschiedenissen van
+menscheneters uit sprookjesboeken kon herinneren.
+
+</p>
+<p>Boven de oogen en den neuswortel stak het voorhoofd vooruit en daaronder gluurden de oogen loerend en onrustig, en hun duistere
+blik werd niet verzacht door de bruinachtige kleur van het oogwit. De neus was een beetje gebogen met dikke neusvleugels,
+die door een bamboestaafje nog verbreed leken. De bovenlip was meestal kort en bedekte maar half een opvallend breeden mond
+met een stevig gebit. Men denke zich het heele gezicht omgeven door lange, ruige haren en baard en besmeerd met een zwarte
+vetlaag, dan heeft men een goede voorstelling van de zoo moderne kannibalen.
+
+</p>
+<p>Wij hadden in het begin niet veel trek, aan land te gaan en hielden onze vis-&agrave;-vis goed in het oog. Die werden langzamerhand
+vertrouwlijker, vergaten hun schuwheid en gedroegen zich als luidruchtige, vroolijke kinderen; maar de minste heftige beweging
+van onzen kant deed hen opschrikken en achteruit gaan. Zoo gingen velen op de vlucht, toen ik haastig een aarden pijpje wou
+grijpen, dat van de zitplaats ging vallen.
+
+</p>
+<p>Nadat onze booten met yams waren gevuld, waagden we, aan land te gaan. Wantrouwend stonden ze om ons heen, elke onzer bewegingen
+bespiedend. We lieten hun onze wapens zien, die ze met bewondering en verbazing bekeken. Hoe grooter de patronen en de kogels
+waren, des te meer indruk maakten ze, en onze revolver beschouwden ze met een verachtelijk schouderophalen, tot we ermee begonnen
+te schieten. Bij elken knal wendden ze zich verschrikt af en lachten dan om hun eigen angst, maar hadden van toen af groot
+respect voor &#8220;them small fellow musquets&#8221;.
+
+</p>
+<p>Geleidelijk werden ze driester, kwamen nader en begonnen ons aan te raken, eerst met de toppen van de vingers, dan met de
+hand. Ze wilden alles zien, onze patroontasschen, onze kompassen, enz. Fluiten en smakken met de lippen waren de teekenen
+van eerbied en bewondering. Toen er niets meer te kijken viel, werden wij zelf de voorwerpen van onderzoek, en daar ik daaraan
+niet gewend was, kon ik het moeilijk verdragen. Het ging nog, dat ze hun donkere armen en beenen naast onze lichtere huid
+hielden, en dat ze liefkoozend over de zachte huid van de binnenzijde der armen streken; maar toen ze ook de stevigheid van
+de bovenarmen en de dijen onderzochten en met kennersdruk de consistentie van onze spieren nagingen, daarbij onverstaanbare
+klanken uitend en heftig smakkend, blijkbaar tevreden over het resultaat, toen werd het mij hoogst onbehagelijk te moede,
+vooral toen ik een man van begeerte zag trillen en van den eenen voet op den anderen zag springen. In zoo&#8217;n geval is het gevoel,
+met zijn beiden te zijn en een wapen te hebben, innig troostrijk.
+
+</p>
+<p>Langzamerhand waren we den boschrand genaderd en konden tersluiks eens naar de vrouwen kijken. Zij hadden grasschorten om
+het lijf en een merkwaardige hoofddracht van gerolde vlechten van gras. Allen hadden haast kinderen, die ze op de heupen droegen.
+Velen hadden groote wonden van het zitten in vocht en vuil aan haar beenen en enkels. Men drong ons echter vlug weg van de
+vrouwen en joeg ze in het woud; na eenigen tijd was het strand eenzaam, en wij keerden naar de boot terug.
+
+</p>
+<p>Tegen den avond kwamen weer eenige mannen aan het strand. Vergenoegd over de gekochte tabak, dansten ze een vreugdedans, van
+den eenen voet op den anderen springend, zich draaiend en erbij zingend met lagen, eentonigen klank. Het rumoer en het hinnikende
+lachen klonken door de schemering. Toen de nacht aanbrak, werd het rustig, en ze verspreidden zich aan het strand, ontstaken
+vuren en roosterden hun yams. In de verte bliksemde het, de branding bruiste, het scheepje stampte, en de roeibooten stieten
+er onrustig tegenaan. De wind ruischte door het oerwoud, en nu en dan rolde de donder. Wij voelden ons eenzaam; zou er storm
+komen? Op ons notedopje waren we niet veilig. Na de lamp te <a id="d0e485"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e485">379</a>]</span>hebben uitgedaan, gingen we op het dek liggen. Daar sliepen we in, tot een hevige regen ons opschrikte. In een oogwenk was
+het dek overstroomd; we trokken ons in de hut terug en brachten in de benauwde ruimte een onaangenamen nacht door.
+
+</p>
+<p>Den volgenden morgen waren weer een twintigtal mannen aan het strand. Het spelletje van den vorigen dag herhaalde zich. Nu
+en dan trokken we ons op de boot terug; maar de menschen werden vertrouwelijker, kwamen zonder wapens, en toen hun voorraad
+yams was uitgeput, gingen ze naar het dorp terug. Een oogenblik van rust gebruikten we, om langs het smalle, glibberige pad
+den hoogen oever te bestijgen. Halverwege stieten we op twee oude mannen, die yams droegen. Bij onzen aanblik beefden ze sterk,
+bleven staan en begonnen te praten. Wij legden de geweren neer en wenkten, dat ze naderbij moesten komen. Toen wierpen ze
+hun yams weg en vluchtten in het dichte struikgewas. We gingen maar terug, om niemand te prikkelen.
+
+</p>
+<p>Des avonds kwamen langs de kust uit het Zuiden een troep inboorlingen met yams. Ze naderden voorzichtig en tot schieten klaar.
+Ze waren van een anderen stam, die met den stam hier oorlog voerde. Ze hurkten neer, altijd bereid, om op te springen en nauwkeurig
+den boschrand bespiedend. E&eacute;n van hen sprak een beetje pidgin-Engelsch. Ze noodigden ons uit, bij hen te komen en yams te
+ruilen. We beloofden het voor later. Daar klonken roepstemmen uit het bosch. Plotseling sprongen ze op en liepen weg. Georges
+wou met hen spreken en ijlde achter hen aan, met de karabijn in de hand. Toen zwaaiden ze dreigend met hun geweren en verdwenen
+achter de rotsen. Ze meenden, dat wij op ze wilden schieten. Zoo ontstaan wel meer misverstanden, die met schieterijen en
+moord eindigen, als men niet de grootste kalmte bewaart.
+
+</p>
+<p>Den heelen dag regende het in sterke buien; alles was vochtig, en de nacht was donker en stil. We leden in de stiklucht van
+de hut.
+
+</p>
+<p>Des morgens kwam Bourbaki terug met een schaar inboorlingen. Weer werden wij betast en bewonderd. Ik liet enkele mannen met
+een geweer schieten, waarbij ze het wapen ver van hun lichaam hielden en op goed geluk schoten. Bourbaki vertelde, dat er
+over een paar dagen een groote slachtpartij van varkens zou plaats hebben, en dat tot dien tijd alle menschen het druk hadden.
+Het hoofd was niet te spreken en bleef voor ieder onzichtbaar, behalve voor een bediende, die hem zijn eten bracht.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-379.jpg" alt="Het inwendige van een mannenhuis op Zuid-Malekula, met beelden van voorouders." width="621" height="461"><p class="figureHead">Het inwendige van een mannenhuis op Zuid-Malekula, met beelden van voorouders.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Wij landden een geitje en twee varkens. Het geitje wekte groote verwondering, en niemand waagde, het aan te raken. Bourbaki
+gelukte het, drie oude mannen aan boord te lokken. Onhandig gingen ze in de booten en angstig hurkten ze op het dek van het
+schip, stom en met groote oogen. Slechts langzaam overwonnen ze hun schuwheid en bekeken alles. Een kookpan bracht hen in
+verrukking en smakkend betastten ze de planken van het schip, terwijl de aanblik van de hut hen sprakeloos maakte van bewondering.
+Als ze iets niet begrepen, haalden ze den rechterschouder op. We lieten hun een spiegeltje zien. Het duurde lang, eer ze het
+gebruik uitvonden; maar toen ze begrepen, dat ze zichzelf erin konden zien, lachten ze luid en staken de tong uit. Al spoedig
+zagen ze in, dat de spiegel een toiletinstrument kon wezen en staken lucifers in hun haar ter verfraaiing. Een horloge wekte
+een geresigneerd schouderophalen en maakte verder geen indruk. Geld wilden ze zien; maar ze waren teleurgesteld en hadden
+het zich heel anders voorgesteld.
+
+</p>
+<p>Zelfs een goudstuk liet hen koud; een stukje papier hadden ze liever. Daarentegen imponeerde hen onze voorraad patronen kolossaal.
+We lieten Bourbaki vragen, of wij het groote feest mochten bijwonen, en of ze ons niet zouden opeten.
+
+</p>
+<p>Na een uur verlieten ze ons weer, wel minder angstig dan ze waren gekomen, maar toch blij, het schip te kunnen verlaten met
+al zijn wonderen. Bourbaki maakte zich vroolijk over hun na&iuml;eveteit en kwam zich verbazend beschaafd voor; maar hij is zelf
+nog ruw en vertrouwt mijn fotografietoestel maar half. &#8220;De blanke man weet te veel&#8221;, is zijn uitspraak.
+
+</p>
+<p>Het regende den geheelen dag, en eerst tegen den avond klaarde het op. Eenige inboorlingen bleven den nacht over aan het strand.
+Ze maakten vuur en zongen. Onze boys lachten om hen, bootsten het gezang na en voelden zich ver verheven boven de wilde boschmenschen,
+vergetend, dat voor slechts <a id="d0e508"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e508">380</a>]</span>enkele jaren zij zelf niet veel beter waren, en dat ze, als ze naar hun dorp terugkeerden, al gauw alle beschaving weer zouden
+hebben afgeschud.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-380-1.jpg" alt="Man met misvormd hoofd uit Zuid-Malekula." width="469" height="547"><p class="figureHead">Man met misvormd hoofd uit Zuid-Malekula.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Langzamerhand werd het stil; alleen de branding was te hooren. We sliepen weer op het dek en werden als te voren door een
+regenbui opgeschrikt, om ons te redden in de nauwe hut. Den volgenden dag verschenen er haast geen inboorlingen. Ze hadden
+het druk met de voorbereiding van hun feest. Wij hadden niets te doen. Onder de grauwe lucht en den stofregen kreeg de verveling
+vat op ons. Men bespeurt de ongerieflijkheden van het leven en krijgt een gevoel, zijn tijd te verliezen, wordt prikkelbaar,
+stoot zich aan kleinigheden en maakt zich noodeloos boos. Als mijn metgezel maar minder slecht gehumeurd was, zou het beter
+gaan. Men mist het rustige praatuurtje &#8217;s avonds bij een kopje thee en een pijp. Alleen zijn zou beter wezen dan deze eenzaamheid
+met z&#8217;n twee&euml;n.
+
+</p>
+<p>Onder het luisteren naar de branding begreep ik voor de eerste maal dat verlangen, dat de wind toch bericht mocht brengen
+uit het vaderland. Is dat heimwee? Toen er een paar heldere dagen kwamen, werd alles dadelijk beter. De boot leek geriefelijker,
+en het groene tapijt van het oerwoud langs de rotsen maakte meer indruk. Het was doodstil; alleen lokte in de verte een vogel
+in het woud. Dan deed het goed, in het zand te liggen en te vegeteeren, zonder gedachten, slechts overgegeven aan de zaligheid
+van het bestaan.
+
+</p>
+<p>Twee groote wilde zwijnen kwamen dien avond aan het strand en groeven uit het zand de yams, die de inboorlingen er begraven
+hadden. Een jacht, die niet slaagde, gaf ons wat beweging en afleiding. We konden gerust ons van de boot verwijderen, want
+de inboorlingen waren allen boven, in hun dorpen. Heerlijke zonsondergangen besloten heldere dagen. Een wolkenbank bedekte
+half de zon, die gloeiend zich met de zee scheen te verbinden. Naar boven schoten heldergele stralen in den staalblauwen hemel.
+Daarna loste alles zich op in een zee van vuur, en spoedig viel de nacht. De sterren blonken, eerst het zuiderkruis. Halley&#8217;s
+komeet was nog flauw te zien.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-380-2.jpg" alt="Man met misvormd hoofd uit Zuid-Malekula." width="407" height="544"><p class="figureHead">Man met misvormd hoofd uit Zuid-Malekula.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Des morgens was de hemel wolkenloos en doorliep alle kleuren, tot de stijgende zon hem stralend blauw kleurde. Dan ziet men
+op den bodem van de zee elken steen, ziet de wonderbare koraalbanken, de bizarre vormen van de afzonderlijke groepen, de gedempte
+en toch vurige kleuren, rose, violet en geel, dat schittert als gedegen goud. Daarop liggen groote, blauwe zeesterren; reusachtige
+visschen in heldere tinten strijken langzaam en welbehagelijk langs de klippen; kleine schieten haastig als dol ertusschen
+door, sommige zuiver blauw getint. Alles ademde welbehagen en vrede.
+
+</p>
+<p>Bourbaki kwam met zijn broertje. Hedenavond zou het groote feest beginnen; ik vroeg hem, of er veel varkens zouden wezen,
+om te worden geslacht. &#8220;O&#8221;, antwoordde hij, &#8220;dat beteekent niets; wij hebben een mensch. Gisteren hebben we hem in het bosch
+gedood en hedenavond zullen we hem opeten&#8221;. Hij zei het met het kalmste gezicht ter wereld, alsof hij het over het we&ecirc;r had.
+Ik moest mij geweld aandoen, niet van hem weg te gaan en keek hem ongerust in het gelaat. Hij keek verloren <a id="d0e530"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e530">381</a>]</span>in de ruimte, alsof hij al aan het maal smulde, nam een stuk kokosnoot en rukte met zijn sterk gebit het vleesch van de schaal.
+Dien heelen morgen was hij zeer vergenoegd en behulpzaam.
+
+</p>
+<p>Des middags ging Bourbaki weer weg en twee dagen lang zagen wij geen inboorlingen. Ze waren allen boven in het dorp bij het
+groote feest, terwijl wij de dagen in doffe rust doorbrachten. Eentonigheid overal; de zee en het strand en het oerwoud, alles
+werd vaal en grauw onder de regenlucht. Wat is men toch afhankelijk van de omgeving! Een zonnestraal kan leven brengen en
+onze stemming meteen verhelderen.
+
+</p>
+<p>Den derden dag kwam Bourbaki terug, wat vermoeid en gedrukt, maar zichtbaar tevreden. Eenige vrienden vergezelden hem. Hij
+bracht een boodschap van het hoofd, waar we zeer mee waren ingenomen. Het hoofd liet zeggen, dat hij ons welgezind was en
+niet ongenegen, ons boys te leveren. Hij had echter nu nog in het dorp te doen en zou eerst over tien dagen aan zee komen,
+om ons te bezoeken. Tot zoo lang moesten we geduld hebben.
+
+</p>
+<p>Om de tien dagen te benutten, besloten we, dadelijk naar de Tesbelbaai in het Zuiden te gaan, om daar ons geluk met de werving
+te probeeren. We hadden ook van daar een boy, Macao, aan boord, door wien we hoopten, te zullen slagen. Bourbaki, die in de
+weinige dagen, die hij thuis had doorgebracht, wat verwilderd was, kreeg verlof tot onze terugkomst. Hij moest in dien tijd
+flink voor ons werken. Hij scheen over die vacantie niet weinig in zijn schik, en dus waren we des te meer verbaasd, toen
+hij kort v&oacute;&oacute;r ons vertrek aan boord terugkeerde en zich zonder nadere uitlegging verdienstelijk maakte. Wij zagen daarin een
+teeken van zijn aanhankelijkheid en vergaven hem sommige ongemanierdheden.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-381.jpg" alt="Dansplaats op Vao." width="527" height="720"><p class="figureHead">Dansplaats op Vao.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De wind was niet gunstig voor onze vaart. Den geheelen nacht kruisten we heen en weer, zonder vooruit te komen. Regenvlagen
+streken over de zee, en even daarna was er geen zuchtje te bespeuren. Maar in de hoogte dreven zwarte wolken naar het westen,
+en ertusschen zagen we enkele sterren in volle sterkte. Het dek was door allerlei voorwerpen en kisten versperd, dus wist
+men nog minder dan anders, waar men zich zou bergen, als men niet in de hut wou stikken. Als er geen wind is, fluiten de boys
+om hem op te wekken, eentonig, onvermoeid, en zijn vast overtuigd, dat zij den eerstvolgenden windstoot hebben uitgelokt.
+
+</p>
+<p>De roeiboot moest ons naar onze ankerplaats sleepen, want de wind was weer gezakt; Bourbaki juichte en ging aan het roer zitten.
+De Tesbelbaai was een mooie bocht, door hooge koraalrotsen ingesloten. Er stonden aan het strand twee mannen, die ik kon huren
+voor den volgenden morgen, om mij naar de dorpen in het binnenland te geleiden. Bourbaki en zijn vriend Macao marcheerden
+vroolijk wenkend weg, om den nacht in het dorp van Macao door te brengen.
+
+</p>
+<p>Na zonsopgang liet ik mij met Georges naar den oever roeien, om eens in het binnenland te kijken; maar halverwege zag ik Macao
+aan het strand als een bezetene heen en weer loopen, schreeuwend en wenkend, waarbij ik, toen ik hem kon verstaan, mij hoorde
+toeroepen: &#8220;Bourbaki is dood, kom en help mij!&#8221; Ik nam hem in de boot en voer naar het schip terug. Macao trilde over zijn
+heele lijf, stiet wilde verwenschingen uit en schreide. Tusschen de <a id="d0e549"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e549">382</a>]</span>vingers van zijn linkerhand had hij zijn patronen geklemd. Men kon niets verstaanbaars uit hem krijgen. Alles, wat hij kon
+zeggen was, dat men tegen den morgen Bourbaki had doodgeschoten, en dat hij zelf was gevlucht. Wij vermoedden, dat Bourbaki
+wat op zijn geweten had gehad; maar achtten het toch noodig, zijn lijk te halen. Genoegdoening te erlangen zou wel niet gaan.
+Macao zei, dat het dorp dichtbij was. We wapenden ons en de boys en landden na tien minuten. Den jongsten, een veertienjarige,
+lieten we achter; hij moest met de roeiboot dichtbij het strand blijven. Zijn oudere broer, een sterke knaap, wou ook liever
+in de boot blij ven, en nu waren we nog met ons vijven. Macao liep vooruit op het smalle pad in het oerwoud, scherp rechts
+en links uitkijkend.
+
+</p>
+<p>De weg was heel slecht, glibberig op de hellingen, met veel boomwortels, steenen, beken en hoog gras. Elk oogenblik kon een
+aanval plaats hebben, maar we stelden ons gerust met de overweging, dat de inboorlingen slecht schieten en ons wel door een
+niet raak schot zouden waarschuwen. We liepen een uur en vroegen ongeduldig aan Macao, wanneer we er nu zouden zijn. &#8220;We zijn
+er dadelijk&#8221;, antwoordde hij steeds. Na anderhalf uur kwam de zaak ons verdacht voor, maar we hadden ons eenmaal eraan gewaagd
+en moesten het plan volvoeren. Plotseling waren we eindelijk in een dorp. Een dozijn mannen en een half dozijn vrouwen stonden
+er blijkbaar te wachten op wat er zou gebeuren. De aanwezigheid van de vrouwen toonde ons terstond, dat de stemming vreedzaam
+was. We zagen een ouden man, een bloedverwant van Macao, zich bij ons aansluiten en wij volgden beiden naar een dorpsplein,
+waar ongeveer dertig mannen met geweren stonden.
+
+</p>
+<p>Macao sprak met hen; ze legden de geweren op den grond en voerden ons naar twee hutten op zij. Daar lag Bourbaki dood op den
+rug; hij had v&oacute;&oacute;r een hut gezeten, toen men hem van achteren &agrave; bout portant had doodgeschoten. Hij was nog opgesprongen en
+had willen vluchten; maar was dadelijk neergestort. Zijn geweer en zijn patronen waren er niet. De mannen stonden om ons heen
+en spraken heftig, maar blijkbaar hadden ze geen vijandelijke bedoelingen. We beduidden hun, dat ze Bourbaki moesten begraven,
+wat ze ook terstond begonnen te doen; met toegepunte stokken groeven ze gemakkelijk in den zachten grond een graf. Toen verlangden
+we het geweer en de patronen van Bourbaki en vroegen naar de moordenaars. Er moesten twee zijn geweest. Na eenig overleg verwijderden
+zich een paar mannen, onder wie een oude grijsaard met wit haar, gewapend naar de oude zede met boog en pijlen en een grooten
+knods aan een draagband.
+
+</p>
+<p>Na ongeveer een half uur kwamen ze terug; twee mannen stonden schuw ter zijde. De inboorlingen hurkten neer en fluisterden
+te zamen, tot een van hen ons naar de beide mannen leidde. We begrepen, dat het de beide moordenaars waren, en Georges en
+ik grepen elk een aan. Ze verzetten zich, weinig; maar er volgde wel een algemeen tumult, waarbij er waren, die de misdadigers
+vervloekten, maar ook verwanten, die ze niet wilden uitleveren. Wij zeiden, dat wij met de uitlevering van de schuldigen ons
+zouden tevreden stellen; anders zouden we het oorlogsschip inlichten, en dan zou dat wraak nemen op het heele dorp. Toen mijn
+gevangene zich begon te verzetten, bond ik hem vast, en toen ik daarmee bezig was, hoorde ik een schot, en ik dacht al, dat
+het uit was met den vrede, toen Georges mij toeriep, dat de andere gevangene ontvlucht was. Hij had van de onderhandeling
+van Georges met de inboorlingen gebruik gemaakt, om zich los te rukken en in het woud te verdwijnen. Een schot had hem niet
+opgehouden.
+
+</p>
+<p>De stemming werd intusschen zoo opgewonden, dat wij het maar het best vonden, ons terug te trekken. We namen den gevangene
+mee en keerden naar de kust terug. Eenige inboorlingen volgden ons. Toen we het dorp verlieten, braken de verwanten van den
+gevangene in luide weeklachten uit; ze dachten, dat we den man zouden martelen; Belni, zoo heette de schuldige, trilde als
+een blad en schreide als een gestraft kind. Hij vroeg Macao telkens, wat er met hem zou gebeuren. Macao zal hem wel niet hebben
+gerustgesteld, want hij was woedend en wou tot elken prijs zijn vriend Bourbaki wreken. Wij lieten Belni opsluiten in het
+schip en deelden toen aan het dorp mee, dat wij voor den volgenden middag de uitlevering van den vluchteling, de patronen
+van Bourbaki en twee varkens verlangden. We leerden toen ook de oorzaak van den moord kennen. Belni&#8217;s broeder had zich met
+de vrouw van het hoofd ingelaten en was door dezen tot betaling van eenige varkens veroordeeld. Hij was echter arm, had geen
+varkens en wou zijn schuld boeten door iemand te dooden. De ongelukkige Bourbaki kwam hem juist gelegen, en hij stookte daarom
+Belni op, hem te vermoorden. De broeders praatten den heelen nacht met hun slachtoffer en Macao, lieten zich het geweer van
+den eerste vertoonen en speelden ermee. Toen Macao zich op eenigen afstand bevond, maakten ze van de gelegenheid gebruik,
+om Bourbaki in den rug te treffen en namen toen de vlucht. Daarmee was de schuld tegenover het hoofd geboet, wat wel zeer
+merkwaardig mag heeten.
+
+</p>
+<p>Nu de eerste opwinding voorbij was, kregen onze boys, die des morgens zoo moedig waren geweest een gevoel van angst. Ofschoon
+ze op het water volkomen veilig waren, dachten ze aan allerlei gevaren van de zijde van Belni&#8217;s verwanten. Macao meende, dat
+ze zijn vader in het dorp wel konden opeten, en wij waren beiden ook niet recht gerust. Hier in de Tesbelbaai konden we niet
+blijven, en onze werving onder de Big Nambasbewoners gaf niets. De boys waren slechts met moeite te bewegen, naar land te
+roeien, om water en hout te halen. We behielden ons de beslissing voor den volgenden dag voor.
+
+</p>
+<p>Des avonds haalden we Belni uit de scheepsruimte. Hij was onder een hoedje te vangen, maar zag blijkbaar zijn schuld niet
+in. Nu ja, hij had een man doodgeschoten; maar dat leek hem meer eer dan schande. De boys bleven op een afstand; alleen Macao
+gaf hem te eten, hurkte voor hem neer met haat in de oogen en onder felle dreigementen. Hij kwelde Belni zoo wreed, dat ik
+den schuldige weer liet opsluiten, en wij waakten des nachts, om te beletten, dat Macao een moord beging. Het was een <a id="d0e563"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e563">383</a>]</span>heldere maannacht. Een van de boys leed aan krampen en bleef op dek kreunen. Allen meenden, dat hij door de bloedverwanten
+van Belni ziek was getooverd, en ze wilden dadelijk wegzeilen. Den volgenden morgen brachten wij aan boord door in afwachting
+van de inboorlingen. Ze verschenen, ongeveer twintig man sterk, maar zonder den vluchteling van gisteren; ze beweerden, dat
+het schot hem had getroffen, en in den nacht was hij gestorven. Dat kon wezen en daar wij toch niets tegen het dorp konden
+ondernemen, drongen we niet verder aan. Het geweer en de patronen brachten ze ons terug en twee groote varkens. Daarmee hoopte
+het hoofd, dat wij tevreden waren gesteld, wat hem betrof, en van toen af hadden we enkel met de beide moordenaars te doen.
+
+</p>
+<p>Daar wij den goeden wil van de menschen erkenden, verklaarden we ons tevreden en keerden naar boord terug. De varkens werden
+bij Belni opgesloten, en wij lichtten het anker en voeren noordwaarts in een wind, die ons in vier uren den afstand deed afleggen,
+waarvoor we op de heenreis vier-en-twintig uur hadden noodig gehad.
+
+</p>
+<p>Georges besloot, naar huis te varen, omdat we bang waren dat onze boys Belni zouden vermoorden, want als de golven bijzonder
+hoog waren, hadden ze telkens gevraagd, of ze hem nu niet in zee mochten gooien. De terugreis ging vlug; maar de golven sloegen
+over de boot en alles was doornat. We troostten ons met de gedachte, dat het nu spoedig voorbij was, en gemak en zindelijkheid
+leken zeer aantrekkelijk na de ellende op de kleine boot. Wel had onze werving geen succes gehad, maar dergelijke tegenslagen
+behooren tot het handwerk.
+
+</p>
+<p>Met vreugde begroetten we de eeuwig door regenwolken bedekte kusten van Espiritu Santo en brachten onzen gevangene heelhuids
+aan land. Wat met hem zou gebeuren, was nog onbepaald. Vooreerst zou hij op de plantage werken. Bij aankomst zagen we, dat
+ons oude schip voor een vierde deel vol water stond. Gelukkig dat we er onderweg geen hinder van hadden gehad, maar lang hadden
+we ons niet meer boven water kunnen houden.
+</p>
+<hr class="tb"><p>
+
+</p>
+<p>Na den terugkeer van die reis deed zich het vraagstuk, om van het Canal du Segond in een beter werkgebied te komen, nog dringender
+voor. De eenige hoop was nu de eventueele aankomst van den pater van Port Olry in het noorden van Santo met zijn kotter, waarmee
+hij nu en dan tochten naar zijn collega&#8217;s ondernam. Hij deed dat alle paar maanden, en het was mijn geluk, dat hij toevallig
+na ongeveer veertien dagen door het kanaal voer en bij den zendeling het anker liet vallen. Ik bracht hem een bezoek en besprak
+mijn toestand met hem. Hij ried mij, met hem naar Vao te varen, waar hij zijn kotter moest laten repareeren, wat wel een paar
+weken zou duren, en dan later met hem naar Port Olry terug te varen. Mijn bagage moest ik dan voor een groot deel achterlaten,
+maar ik kon de gelegenheid niet voorbij laten gaan, om uit het verloren uithoekje van het Canal du Segond weg te komen, en
+de kapitein van de &#8220;Marie Henri&#8221;, het zeilschip van de opmetingsexpeditie, dat dikwijls naar het noorden voer, beloofde mij,
+mijn hebben en houden dan naar Port Olry mee te nemen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-383.jpg" alt="Inlandsche vrouwen bij Atchin op Vao." width="617" height="260"><p class="figureHead">Inlandsche vrouwen bij Atchin op Vao.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Terwijl wij op gunstigen wind wachtten, brak er op een nacht het hevigste onweder uit, dat ik ooit heb beleefd. Van zonsondergang
+tot den morgen volgde de eene donderslag op den anderen met een geweldigen regen; men hoorde in het woud de takken breken
+en men kon elkander niet verstaan onder het plaatijzeren dak van het huis. Stroomen vloeiden over den weg, en des morgens
+stond het huis als in een meer. De heele aanplanting was vernield, en het kanaal zag totaal geel.
+
+</p>
+<p>Wij zeilden weg en hadden bij den tegenwind twee dagen noodig, om op Vao te komen. Het is een eilandje, dat v&oacute;&oacute;r Malekula
+is gelegen in het Noordoosten. Als men de doodsche kust van laatstgenoemd eiland voorbijvaart, is het als een openbaring van
+iets schoons, Vao te zien. Niet enkel, dat de natuur afwisseling biedt, maar vooral de levendigheid is aantrekkelijk. Vao
+is een der dichtstbevolkte eilanden van de Nieuwe Hebriden. Er wonen vijfhonderd inwoners op een eilandje van anderhalven
+kilometer lengte en &eacute;&eacute;n kilometer breedte, voldoende, om overal menschelijke werkzaamheid te toonen zonder overhaasting, op
+vroolijke, luchthartige wijze verricht. In deze omgeving vonden we hutten en haardvuren en levendige menschen, die den vreemdeling
+weer hoop en vertrouwen gaven.
+
+</p>
+<p>Ongeveer zeventig uitleggersbooten lagen aan het strand. Het waren boombooten, door dwarsstangen verbonden met de uitleggers,
+die ze voor omslaan behoeden. Aan de punt hebben ze een gesneden houten reiger, waarschijnlijk een halfvergeten totemteeken
+van de inboorlingen. Al naar de maatschappelijke positie van den eigenaar is het snijwerk meer of minder rijk uitgevoerd,
+en er wordt streng op gelet, dat niemand zijn boot versiert met snijwerk, dat niet in overeenstemming is met zijn rang en
+positie. Dan zijn er ook nog kleine dwarsbalkjes, die zich in aantal ook richten naar den stand van <a id="d0e586"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e586">384</a>]</span>den bezitter. Onder afdaken werden in de schaduw van de woudboomen een paar groote zeilbooten bewaard van europeesch fabrikaat.
+Enkele famili&euml;n hadden die gekocht, om verre reizen te kunnen doen naar de grootere eilanden in de buurt, Espiritu Santo,
+Aoba, Ambrym, enz., waar ze varkens koopen. Die zeilbooten vervangen de lange, groote booten uit vroegeren tijd, oorlogsvaartuigen,
+waar dertig tot veertig man in konden zitten, en waarmee groote rooftochten werden ondernomen. Want de bewoners van Vao waren
+echte zeeroovers, die overal gevreesd werden, omdat ze onverwachts bij eenig dorp landden, de bewoners overvielen en met rijken
+buit terugkeerden. De europeesche invloed heeft aan die liefhebberij een einde gemaakt, en met den invoer van europeesche
+booten zijn de groote pirogen verdwenen en rotten ongebruikt weg aan het strand.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-384.jpg" alt="Dansplaats op Vao onder reusachtige vijgenboomen." width="720" height="492"><p class="figureHead">Dansplaats op Vao onder reusachtige vijgenboomen.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>In den vroegen morgen was het strand ledig, maar een paar uren na zonsopgang werd het druk; mannen en vrouwen baadden er,
+de moeders waschten de kinderen, en in het warme zand werd daarna gerust, tot het tijd was voor de vaart naar den overkant,
+waar op het vasteland de aanplantingen waren. De vrouwen schoven de booten in het water, jonge meisjes, slank en sterk, de
+moeders en oudere vrouwen wat onbeholpener, velen met een kind op de heupen. Uit loodsen of verborgen hoekjes aan den wal
+haalden ze zeilen van palmbast, driehoekig en in bamboestangen gevat, en maakten ze vast aan de booten. Daarna stieten ze
+zich af van den wal en zaten of stonden in het smalle bootje, dat nauwelijks plaats had, om de voeten naast elkander te zetten.
+De kleine zuigelingen zaten op den schoot der moeders of hingen op haar rug in bedenkelijke nabijheid van het water.
+
+</p>
+<p>De kleine flotille volgde eerst de landtong en kwam toen onder den invloed van den frisschen, stevigen wind, die de booten
+snel voortdreef. Tusschen tien en vijftien booten gleden over de zee, geelbruine vogels, waartegen de korte golven opsprongen.
+Een vrouw stuurde, en de anderen schepten met kokosschalen het water uit het vaartuig, een echt Dana&iuml;denwerk. Maar gauw was
+het kanaal overgestoken en de booten werden op den veiligen wal gehaald. Een jonge man was bereid, ons in zijn boot te nemen
+en bracht ook ons naar den anderen oever.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/o1917-384.gif" alt="Ornament." width="353" height="39"></div><p>
+
+<a id="d0e602"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e602">385</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-385.jpg" alt="Offerplaats in Atchin op Vao met steenen altaren en heilige trommels." width="720" height="317"><p class="figureHead">Offerplaats in Atchin op Vao met steenen altaren en heilige trommels.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p style="&#xA; background: url(images/is1917-385.gif) no-repeat top left;&#xA; &#xA; padding-top: 50px;&#xA; "><span style="&#xA; float: left;&#xA; width: 90px;&#xA; height: 100px;&#xA; background: url(images/is1917-385.gif) no-repeat;&#xA; &#xA; background-position: 0px -50px;&#xA; &#xA; text-align: right;&#xA; color: white;&#xA; ">S</span>malle paden, aan weerszijden begrensd door dicht oerwoud, voeren ons over koraalblokken naar de aanplantingen op de hoogte.
+Bij eenige kokospalmen stond de gids stil en klauterde behendig langs den slanken stam naar de kroon, met de voeten steunend
+tegen den stam, alsof hij een ladder beklom. Drie zware, groene noten vielen met een plof op den grond. Met een paar handige
+meskloppen werden ze geschild en geopend, en de verkwikkende, zuurachtig smakende melk werd mij aangeboden als een geschenk
+aan den gast.
+
+</p>
+<p>Zijpaden leidden van den weg naar de aanplantingen. Ieder individu had een stuk land, waarvan hij zijn levensonderhoud betrok.
+Daar groeien vleezige bananen met groote, sappige bladeren; yams klimmen tegen vlechtwerk op en hebben kleurige bloemschermen,
+en ertusschen staan kokospalmen, broodvruchtboomen, roodbloeiende crotonstruiken en veel sterk geurende kruiden. In die groene
+weelde brengt de inboorling zijn dag door, een weinig arbeidend en veel luierend. Hij schiet op de groote duiven en de kleine
+papegaaien en nuttigt ze als welkome toegift bij de geroosterde yams.
+
+</p>
+<p>Tegen zon en regen waren beschuttende daken opgesteld, waar des middags allen samenkomen en eten en praten. Lang geleden lagen
+hier dorpen, waarvan een reusachtige, nu gebroken monoliet nog getuigt. De steen was vijf meter hoog en moet door ondernemende
+menschen van de kust hierheen zijn gesleept als sieraad voor een dorpsplein, misschien ook als monument op een begraafplaats.
+
+</p>
+<p>Terwijl des namiddags de vrouwen den voorraad voor den avondmaaltijd verzamelden, keerden wij naar Vao terug. De wind was
+heviger geworden, maar veilig kwamen we over en trokken nu naar het binnenland van het eiland. Eerst liepen de paden nog door
+het oerwoud, toen door een rietveld en daarna gingen we tusschen steenen muurtjes met rechts en links kleine aanplantingen.
+Toen werd de weg breeder; steenblokken stonden aan weerszijden, en we traden onder het ruime gewelf, gevormd door een geweldigen
+vijgenboom. Uit den zonnegloed kwam men in de diepste schaduw, uit de middaghitte in de vochtige koelte.
+
+</p>
+<p>We stonden op een wijde vlakte, die ver overschaduwd werd door de knoestige takken van den reuzenboom. Aan den eenen kant
+was de stam, die al zwaar genoeg was, nog versterkt door de vele luchtwortels, die als dikke touwen van de kroon naar <a id="d0e618"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e618">386</a>]</span>den grond gaan, hier en daar den stam geheel bedekkend, als een vlechtwerk of als de touwen langs een scheepsmast. Eenige
+lianen slingerden zich door de takken, alsof reuzenslangen in een gevecht waren verstijfd.
+
+</p>
+<p>We waren op een van de offerplaatsen van Vao. De rijen steenen langs den weg hadden zich verdubbeld en verdrievoudigd en sloten
+het plein in. Bij den stam van den grooten boom was een steenen altaar, en daaromheen stonden offertafels, zware steenen platen,
+rustend op dikke steenen blokken. Een rotsblok lag midden op den weg op een houten slede, half onder steenpuin en aarde bedolven.
+Een dikke liane diende als sleeptouw. Een vijftigtal mannen zullen er aan getrokken hebben, om het zware blok van den oever
+naar den kleinen heuvel te transporteeren, en halfweg is hun de arbeid onmogelijk geworden en tot latere tijden uitgesteld.
+
+</p>
+<p>Rechts van het groote altaar stonden de &#8220;tamtams&#8221;, uitgeholde stammen, die als trommels dienen. Aan het boveneind zijn ze
+uitgesneden als een menschengezicht, met breeden, lachenden mond en ronde, holle oogen. Scheefstaand naar alle richtingen,
+lijken ze spoken, die den beschouwer uitlachen om hun eigen grootte en de kleinheid van de menschen. Daartegenover stonden
+mansfiguren, ruw uit stammen gesneden, met lange lijven en overlange gezichten, vaak slechts een hoofd met denzelfden scheeven
+mond als de trommelboomen, een langen neus en smalle oogen. Ze waren rood, blauw en wit beschilderd en steunden met de hoofden
+reuzenvogels, met uitgebreide, lange vlerken. Dat waren weer reigers, zwevend, alsof ze zoo juist uit het woud waren komen
+aanvliegen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 149px"><img border="0" src="images/p1917-386.jpg" alt="Beklimming van een kokospalm." width="149" height="720"><p class="figureHead">Beklimming van een kokospalm.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Dat was alles op de dans- of offerplaats; maar het was voldoende, om een diepen indruk te maken. Want als daarbuiten de zon
+brandt, als de bladeren in den wind ruischen en de wolken langs den hemel jagen, is het hier donker en koel als in een dom.
+Geen wind waait, en er beweegt niets. Een behagelijke stemming, een wenschloos zich laten gaan, een verheffende gedachteloosheid,
+een stichtelijk droomen worden gewekt door de schaduw van den reuzenboom, den zachten boschgrond en het groene mos, dat overal
+op groeit, op de steenen, de trommels en de idolen.
+
+</p>
+<p>Buiten straalt de zon op boomen met purperen bloemen en de roode gloed schijnt door het groene loover; buiten zingen de vogels,
+maar hier sluipen ze stil door de bladeren; buiten werken de menschen, maar hier is het eenzaam; buiten is het leven, hier
+heerscht onder den reuzenboom de gewijde stilte van een tempel. De plek zou voor den verhevensten godsdienst kunnen dienen;
+zoo zal het er hebben uitgezien om de steenen altaren der Dru&iuml;den.
+
+</p>
+<p>Achter de dansplaats was een open ruimte in het woud, waar, tusschen roodbloeiende boomen, het groote mannenhuis stond. Op
+palen rustte een groot dak, dat tot den bodem reikte. Van voren en van achteren werd de ingang vernauwd door groote steenen
+platen. Dooreengeslingerde takken vormden een haag om het huis, en aan den eenen kant stond een stellage, waaraan honderden
+van zwijnekaken waren bevestigd.
+
+</p>
+<p>In het huis zagen we eenige vuurhaarden en primitieve bedden, bestaande uit een rooster van naast elkander gelegde bamboestaven,
+een nachtleger, dat een niet verwenden Europeaan toch wel hard en ongemakkelijk zal voorkomen. Onder het dak waren allerlei
+curiosa verborgen. Dansmaskers, merkwaardige visschen, zwijnekaken, beenderen, oude wapens, enz. alles met een dikke korst
+van roet overtrokken door de bijna voortdurend brandende vuren. Die mannenhuizen zijn een soort van soci&euml;teiten of clubhuizen,
+waar de mannen samenkomen; ze brengen er ook wel den nacht door. Bij regenwe&ecirc;r zitten ze pratend en rookend om de vuren of
+knutselen aan het een of ander voorwerp.
+
+</p>
+<p>Elk geslacht of familie heeft zulk een mannenhuis, dat natuurlijk voor de vrouwen taboe is; op Vao zijn er vijf, in overeenstemming
+met het aantal geslachten. In de nabijheid en min of meer rondom het mannenhuis liggen de woonhuizen, ieder met een lap grond
+eromheen en ingesloten door een meterhoog muurtje van los op elkaar gestapelde koraalblokken, zoo los, dat men niet tegen
+de muren kan leunen. Achter de muren heeft men meer dan manshooge schermen aangebracht, van riet gevlochten, die ongewenschte
+blikken naar binnen verhinderen. Daar de terreinen dikwijls bij elkaar aansluiten, zijn de wegen ertusschen zeer smal; men
+loopt als door een steegje tusschen de steenen muurtjes en de rietmatten. Soms kan men bij een bocht vrouwen zien wegloopen
+en kinderen schreiend aanschouwen, want de blanke schijnt hier de rol van boeman te vervullen.
+
+</p>
+<p>Als men met de bewoners aan het strand een beetje vertrouwd is geraakt, kan men soms wel eens in de geheimzinnige woningen
+binnentreden, natuurlijk altijd vergezeld en bewaakt door een mannelijken bewoner.
+
+</p>
+<p>Men krijgt weinig bezienswaardigs te kijken; kleine hutten liggen binnen de omheiningen, een voor den huisheer, terwijl iedere
+vrouw haar eigen woning heeft, die ze met haar kinderen bewoont en waar ze meesteres is. Op de open ruimte tusschen de hutten
+<a id="d0e643"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e643">387</a>]</span>loopen varkentjes rond en honden en kippen in vreedzame harmonie met kinderen en volwassenen.
+
+</p>
+<p>Het varken is op Vao, net als op bijna alle eilanden van Melanesi&euml;, het hoogst geschatte dier. Om het varken draait het denken
+en trachten van den inboorling, want door dat dier kan hij allerlei begeerenswaardigs erlangen. Hij kan er een vijand door
+uit de wereld laten helpen; hij kan veel vrouwen koopen; hij kan op de maatschappelijke ladder tot de hoogste sporten stijgen,
+en hij kan er zich het paradijs mee verzekeren.
+
+</p>
+<p>Het is dus geen wonder, dat de varkens even zorgvuldig of nog zorgvuldiger worden verzorgd dan de kinderen, en dat het de
+belangrijkste plicht van de oude vrouwen is, over het welzijn van de zwijntjes te waken. Het zijn intusschen alleen de mannelijke
+varkens, die zoo hoog op prijs worden gesteld, het vrouwelijke varken beteekent niets; men laat het vrij rondloopen en bekommert
+er zich weinig om; maar het heeft daardoor juist een veel prettiger leven dan het mannelijke dier, dat jaar uit, jaar in aan
+een kort touw aan een paal is gebonden en zich haast niet kan bewegen. Wel wordt het dagelijks gevoederd, doch het eten wordt
+hem vergald door hevige tandpijn, want men heeft het dier de bovenvoortanden uitgebroken. De tanden van de onderkaak vinden
+nu geen vlakte meer, waartegen ze kunnen schuren en groeien tot een vervaarlijke lengte, gaan een boog vormen, tot ze op de
+kaak stooten, waarna ze in het vleesch van de wang dringen, waar een wonde ontstaat, die maar zeer langzaam geneest. De tanden
+groeien voort en buigen buiten de kaak een tweede maal, en als het arme varken lang genoeg leeft, een derde maal.
+
+</p>
+<p>Die varkens met gebogen tanden zijn de trots en de rijkdom van de inboorlingen. Macht en aanzien richten zich naar het aantal
+van zulke zwijnen, die een man bezit en naar de grootte van hun tanden; daarom worden ze zoo zorgvuldig behoed en vastgehouden,
+dat hun maar geen ongeluk zal overkomen en ze nergens hun tanden breken. Rijke lieden bezitten een groote hoeveelheid van
+die dieren; anderen slechts &eacute;&eacute;n of twee, en zeer arme menschen hebben er geen enkel. Er is in Melanesi&euml; dus sprake van een
+soort van eeredienst van het varken, die men daar Suque noemt, en waarbij het zwijn het offerdier is, misschien omdat men
+dan het grootste zoogdier van de eilanden aan de goden afstaat, dus de beste uitdrukking van vereering geeft, of omdat mogelijk
+het zwijnenoffer in de plaats is getreden van het menschenoffer. De Suque is de vereeniging van alle mannen, die zwijnen hebben
+geofferd, een bond, die in tallooze kleine groepen is verdeeld naar districten en dorpen. Wie niet tot de Suque behoort, staat
+eigenlijk buiten het leven van de inboorlingen, heeft geen vrienden en mist alle geloof. Als knaap kan men al tot de Suque
+toetreden, als een oom van moederszijde in den naam van den neef een zwijn offert. De jongen mag dan het &#8220;gamal&#8221;, het clubhuis
+van de Suque, betreden.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-387.jpg" alt="Huis van een geheimen mannenbond op Vao." width="619" height="459"><p class="figureHead">Huis van een geheimen mannenbond op Vao.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Op Vao had ik gelegenheid, een doodenfeest bij te wonen. De man leefde en was gezond en wel, maar hij wou zeker wezen, dat
+het feest niet werd verzuimd na zijn dood en liet het dus al bij zijn leven plaats hebben. Als namelijk een man van Vao sterft,
+reist zijn ziel naar het eiland Ambrym, ten oosten van Malekula, terwijl Vao bij de noordpunt van dat groote eiland is gelegen.
+Op Ambrym is een vulkaan, die door de ziel in een reis van vijf dagen wordt bestegen. Halfweg op den tocht naar den krater
+zit een monster met een krabbeachtig uiterlijk en twee reusachtige scharen. Heeft men nu voor den overledene v&oacute;&oacute;r den vijfden
+dag geen voldoend aantal varkens gedood, dan is de arme ziel alleen, en het monster pakt en verteert haar. Maar als men het
+offer heeft gebracht, dan draven achter de ziel aan alle zielen van de geofferde zwijnen, en deze eet het monster liever dan
+de menschen. De overledene kan dientengevolge ongehinderd zijn weg vervolgen en komt spoedig in een paradijs met veel zwijnen,
+vrouwen, dansen en eten. Op den feestdag werden geschenken naar de offerplaats gebracht, en in den morgen kreeg iedere familie
+eenige yamsknollen, een varken, een kokosspruitje en eenige bundels geld, bestaande uit opgerolde matten. Oorspronkelijk is
+zoo&#8217;n mat een lijkkleed, maar wordt na eenigen tijd weggenomen, als de lijken enkele dagen in den grond hebben gelegen. De
+groote rollen worden nu niet meer gebruikt, maar komen bij feestelijke gelegenheden nog voor den dag.
+<a id="d0e658"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e658">388</a>]</span></p>
+<p>Veel plechtigs was er niet aan het feest, waarbij de gastheer met een mes de vastgebonden varkens slachtte, waarna ieder man
+zijn geschenk mee naar huis nam. Niet alle feesten verloopen zoo proza&iuml;sch, maar toch zal het niet lang duren, of met deze
+ceremoni&euml;n wordt geheel gebroken.
+
+</p>
+<p>Op Vao, met name in Atchin op het eiland, vindt men veel heilige vooroudershuisjes, waar een altaar wordt aangetroffen van
+steen. Daaronder ligt waarschijnlijk het hoofd van den voorvader begraven. Op het huis staat het beeld van een reiger, ruw
+gesneden en gedragen door een standbeeld, dat, schijnt het, den voorvader voorstelt. Daar de beelden in de open lucht staan
+en sterk verwe&ecirc;ren, worden ze niet oud, en de jongere producten zijn niet met de oudere te vergelijken. Ik was zoo gelukkig,
+een oud exemplaar te krijgen van een ouden man, die er wel bezwaar in zag en meende, dat de voorvader het sterk zou afkeuren,
+maar ten slotte zich geruststelde met de overweging, dat de man al zoo lang dood was, en dat hij een zwijntje op het graf
+zou offeren, welk offer ik ook nog moest betalen. Het beeld was niet minder dan twee meter hoog en mooi gesneden.
+
+</p>
+<p>Trots de veelvuldige aanraking met Europeanen is de oude cultuur op Vao in stand gebleven, doordat de inboorlingen zoo weinig
+lust hebben, op plantages te gaan werken. Maar terwijl wij op het eiland waren had er een gebeurtenis plaats, die aantoont,
+hoe hierin verandering kan worden gebracht. Op een morgen lag v&oacute;&oacute;r het eiland een schip voor anker. Een zwaarlijvig beambte
+van de fransche opmetingsexpeditie ging aan wal. Hij liet alle mannen aan het strand samenkomen en deelde hun mede, dat hij
+tegen den avond een aantal arbeiders moest hebben tegen goede betaling voor licht werk. Men zou hem in zijn gezicht hebben
+uitgelachen, als hij zijn verzoek in dit geval niet had ondersteund met de bedreiging, dat hij het eiland in geval van weigering
+zou laten ontruimen, want dat de &#8220;Soci&eacute;t&eacute; francaise des Nouvelles H&eacute;brides&#8221; al voor jaren de eilanden had gekocht.
+
+</p>
+<p>De onderhandelingen duurden tot den laten namiddag, en bij zonsondergang stonden bijna alle beschikbare mannen op het strand,
+werden door groote roeibooten afgehaald en verdwenen in de avondschemering. Aan den oever bleven oude mannen achter en de
+vrouwen, die luide klaagden in aandoenlijke smart. Ook voor den buitenstaanden toeschouwer was het een treurig tooneel, dit
+wegvoeren van de beste krachten van een stam, die ruwe greep in het familieleven door de brutaliteit van het blanke ras, dat
+zich veel laat voorstaan op zijn beschaving. Men voelt geen ziekelijk medelijden met de mannen, die tot arbeid worden geprest,
+maar wel doet het bitter aan, te moeten zien, hoe een stuk eerwaardig oud leven en natuurlijke ontwikkeling wordt vernield.
+Het is, alsof een oud bouwwerk voor profaan gebruik wordt geschonden.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-388.jpg" alt="Gereed voor een reis naar het binnenland." width="631" height="403"><p class="figureHead">Gereed voor een reis naar het binnenland.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Den volgenden morgen was het strand eenzaam. Vrouwen en grijsaards en kinderen misten alle vroolijkheid van vroeger, en ik
+besefte, hoe het op de andere eilanden in de buurt was gegaan, waar thans zoo goed als geen inboorlingen meer zijn op plaatsen,
+vroeger met dorpen bezet. In de laatste zeven jaren is in enkele omvangrijke gebieden de bevolking tot op een derde geslonken.
+Er behoeven geen vijftien jaren meer te verloopen, of men zal van een inboorlingenbevolking niet meer kunnen praten. De volgende
+generatie zal er weinigen meer vinden.
+
+</p>
+<p>Voor mij was die gebeurtenis het bewijs, dat ik geen bedienden op Vao zou kunnen krijgen; de jonge lieden, die erover hadden
+gedacht, mij te vergezellen, hadden moeten helpen, om het aantal opge&euml;ischten vol te maken, zoodat ik teleurgesteld vertrok,
+toen de kotter van den pater hersteld was en wij, afscheid van het gastvrije Vao nemend, naar het Canal du Segond voeren,
+om van daar langs de oostkust van Espiritu Santo naar Port Olry te gaan. Daar was, in het noordoosten van het groote eiland,
+een zendingsstation, waar de honden, de katten en de bewaker ons kwamen begroeten, en waar ik weer gast was in het huis van
+den pater en er een interessanten tijd doorbracht.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 238px"><img border="0" src="images/p1917-389-1.jpg" alt="Man van Port Olry." width="238" height="506"><p class="figureHead">Man van Port Olry.</p>
+</div><p>
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 204px"><img border="0" src="images/p1917-389-2.jpg" alt="Vrouw van Port Olry." width="204" height="511"><p class="figureHead">Vrouw van Port Olry.</p>
+<p>De vrouw draagt het kleed der weduwe, een zwarten gordel, met schelpjes versierd, die aan het eind van den rouwtijd van honderd
+dagen mag worden afgelegd.
+</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De bevolking van Port Olry, zooals de kleine haven aan den mond van een riviertje heet, verschilt nog al van die der andere
+eilanden. Ze is donkerder van kleur en heeft een ander gelaatstype; ook is ze grooter dan elders. Men moet haar als typisch
+melanesisch beschouwen, terwijl de bevolking van Vao bij voorbeeld veel polynesische elementen in zich heeft opgenomen. Het
+waren hier gespierde gestalten met nog al brutale gezichten, waaruit weinig intelligentie sprak. De leefwijze was dan ook
+nog zeer primitief. Kleeding en versiering waren beperkt tot het eenvoudigste, zoodat we hier de primitiefste bevolking <a id="d0e690"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e690">389</a>]</span>van den archipel v&oacute;&oacute;r ons hadden. De versiering bepaalde zich tot kammen, die groote vormen hadden en van bamboe waren gesneden,
+of die bestonden uit varkensstaarten, bevestigd aan vederschachten, die in de dichte haarpruik werden gestoken. Wie zich mooi
+wilde maken, liet het haar lang groeien, rolde dan de haren tot rollen op, die netjes naast elkaar werden gelegd, of maakte
+vlechtjes, die aan alle kanten langs het hoofd neerhingen. Met kokosolie, roet en vet werden de haren ingesmeerd.
+
+</p>
+<p>Een merkwaardige vervorming van den neus werd door beide geslachten in toepassing gebracht en gaf een aanblik van groote leelijkheid.
+Het tusschenschot van den neus wordt namelijk doorboord, en behalve dat er in de opening een houtje wordt gestoken, komt het
+vaak voor, dat men een spiraal neemt, die de neusvleugels omhoog drukt, zoodat een breede punt aan den neus komt, die bij
+mannen op hoogen leeftijd een afschuwelijk uiterlijk geeft. Het duurt lang, eer men aan het gezicht gewend is. Bovendien maken
+ze op dien opdringerigen neus nog roode strepen of een roode streep tusschen twee zwarte.
+
+</p>
+<p>Veel mooier is het, als de mannen zich kleurige bloemen in de haren steken. Een violette of roode bloem boven ieder oor ziet
+er op den donkeren grond aardig uit. In de oorlelletjes dragen ze spiralen van schildpad of vlakke plaatjes van been. Ook
+daaraan worden varkensstaartjes vastgemaakt. Als ze uitgaan, beschilderen zich de mannen vaak het gezicht met roet en olie,
+dooreengemengd. Meestal wordt het bovengedeelte van het voorhoofd zwart gemaakt, en ook wel de rug van den neus en het benedengedeelte
+van de wangen.
+
+</p>
+<p>De kleeding der mannen bestaat uit een breeden gordel, die laag afhangt, en waaraan van voren een zestal smalle matjes hangen.
+Vroeger, en nu nog op feesten, droegen ze op het kruis een merkwaardig houten ovaal, waarvan de beteekenis aan ethnografen
+veel hoofdbrekens heeft gekost. Men zal wel het naast bij de waarheid zijn, als men denkt, dat ze erop gingen zitten, want
+de Melanesi&euml;r gaat niet graag z&oacute;&oacute; op den grond zitten en gebruikt, als het kan, liefst een stuk hout, waar hij dan met dit
+kleedingstuk niet naar behoefde te zoeken.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 144px"><img border="0" src="images/p1917-389-3.jpg" alt="Man van Port Olry." width="144" height="519"><p class="figureHead">Man van Port Olry.</p>
+</div><p>
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 146px"><img border="0" src="images/p1917-389-4.jpg" alt="Man van Port Olry." width="146" height="517"><p class="figureHead">Man van Port Olry.</p>
+</div><p>
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 232px"><img border="0" src="images/p1917-389-5.jpg" alt="Man van Port Olry." width="232" height="516"><p class="figureHead">Man van Port Olry.</p>
+<p>De bijl is europeesch fabrikaat.</p>
+</div><p>
+
+
+
+
+</p>
+<p>Terwijl dus de mannen een, hoewel niet mooien, maar dan toch interessant wilden indruk maken, worden de vrouwen door de mode
+zoozeer ontsierd, dat men eenigen tijd noodig heeft, om er niet meer door te worden afgestooten. Ze mogen niet veel versiering
+dragen en moeten daarentegen het haar zeer kort houden, waarvoor ze zich den schedel met kalk insmeren, zoodat het kale hoofd
+levendig aan een gier herinnert, vooral ook omdat de neus uitsteekt als een snavel, en de mond juist niet klein is. Daarbij
+zijn bij de vrouwen als teeken van het getrouwd zijn de bovensnijtanden verwijderd. De kleeding bepaalt zich tot een zeer
+klein blad, bevestigd aan een dun lendekoord. Van achteren dragen vrouwen en mannen altijd een bosje bladeren, knapen <a id="d0e719"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e719">390</a>]</span>en vrouwen meestal geurige kruiden, en de mannen crotonbladeren van verschillende tint naar de kaste. De zeer hooge kasten
+mogen de donkere kleuren dragen. De voorraad wordt geleverd door de crotonstruiken, die altijd worden aangeplant om de gamals
+of clubhuizen.
+
+</p>
+<p>Half sieraad, half rest van een medicijn zijn de groote litteekens, die men hier veel ziet, het vaakst op de borst of op de
+schouderbladen. Men maakt namelijk, als geneesmiddel voor inwendige pijnen, groote sneden in het lichaam. Dat gebeurt door
+zich bij voorbeeld stijf een touw om de borst te binden, zoodat de huid tusschen de windingen omhoog wordt gewerkt. Dan kan
+men, zonder veel pijn te voelen, er in snijden. De korsten na de genezing worden steeds weer weggekrabd, totdat een dik litteeken
+is verkregen, dat als een sieraad wordt beschouwd.
+
+</p>
+<p>Bij rheumatiek neemt men een ongeveer twintig centimeter langen boog en bindt aan het spankoord een klein pijltje met een
+haarscherpe punt, tegenwoordig meestal een glassplinter; met dat pijltje worden fijne sneden in de huid geschoten, waarvan
+de litteekens haast niet zichtbaar zijn en toch fijne, dikwijls mooie patronen op de huid achterlaten.
+
+</p>
+<p>Eenvoudig als de kleeding, zijn de vormen van den eeredienst en het leven over het geheel. Men vindt hier niet, als op Vao,
+zorgvuldig omheinde tuinen of stemmige dansplaatsen. De huizen staan in het bosch verscholen, onregelmatig geplaatst om een
+gamal, die eenzaam midden op een le&ecirc;ge plek staat. Beelden of staande trommels ontbreken; eenige niet groote liggende trommels
+zag ik v&oacute;&oacute;r een gamal.
+
+</p>
+<p>De woonhuizen zijn eenvoudig daken, zoo goed als zonder zijwanden, maar meestal met een voor- en achterwand van bamboe. Vaak
+waren ze in twee&euml;n verdeeld, om een stal voor de zwijnen te hebben, als men er niet de voorkeur aan geeft, met de varkens
+samen te wonen. Eenige vlakke houten schotels zijn bijna het eenige huisraad, dat de natuur den inboorlingen niet zoo goed
+als klaar in de hand heeft gedrukt. Voor het koken heeft men verder niets noodig dan steenen, die, in het vuur verhit, om
+het in bladeren gewikkelde voedsel worden opgestapeld. Die steenen moeten natuurlijk vuurvast wezen; kalk kan men niet gebruiken
+en daar zulke kooksteenen in de kalkformaties volkomen ontbreken, moeten ze vaak van ver, van het zeestrand, worden gehaald,
+zoodat men ze zeer trouw bewaart. Vork en lepel heeft men niet noodig, en als mes voor het schillen van vruchten dienen schelpen
+of splinters van bamboe. Daarmee kan men niet goed naar zich toe snijden, zoodat de inboorlingen de gewoonte hebben behouden,
+alle vruchten van zich af te schillen, ook als ze een mes gebruiken van staal. Bedden worden versmaad, en men voelt zich hoogst
+behagelijk op eenige evenwijdig gelegde bamboestaven.
+
+</p>
+<p>Tegen den middag ziet men de mannen meestal bijeen in de gamal bij de gewichtige laplapbereiding. Laplap is het nationale
+gerecht van de bewoners der Nieuwe Hebriden, en ze brengen zeker een vijfde deel van hun leven door met het koken van laplap.
+Het werk is eenvoudig en gemakkelijk; men kan er net zoo heerlijk bij droomen als bij het naaien en breien. V&oacute;&oacute;r zich heeft
+men een rij bananenbladeren, kruiselings over elkander gelegd; naast zich eenige yamsknollen, die men schilt en dan op een
+rasp, dat is een stuk koraalkalk of een ruwe bladnerf, fijn wrijft. Men krijgt dan een taaie, witte brij, die men zorgvuldig
+in de bladeren inpakt. Intusschen is in een kuil een vuur uitgebrand en heeft de steenen tot gloeihitte gebracht. Die neemt
+men met een tang, dat is een gespleten bamboe, uit den kuil en legt de brij in de bananenbladeren op hun plaats, bedekt alles
+met de heete steenen, legt daarop weer een bundeltje droge bladeren en wacht slapend, pratend of rookend, tot het gerecht
+klaar is. Het is dan een massa geworden, die op brooddeeg lijkt en waaraan men met allerlei kruiderij wat meer smaak kan geven.
+Men giet er ook wel kokosmelk van geraspte kokosnoten over of mengt er kool door of vet of geroosterde noten, terwijl het
+ook heel lekker moet wezen, ze met vleeschmaden te vermengen. Behalve van yams kan laplap ook worden bereid van taro, maniok
+of halfrijpe bananen.
+
+</p>
+<p>Men eet hier ook veel bataten en als het seizoen daar is, de heerlijke broodvrucht, boven het vuur geroosterd; ook noten,
+bananen, ananas en mandarijnen. Er is haast altijd wat te snoepen, en als de inboorling maar wat wilde vooruit zorgen, dan
+behoefde hij nooit gebrek te lijden.
+
+</p>
+<p>De mannen lieten zich door onze komst weinig storen in hun werk; ze schoven wat ter zijde en gaven ons een blok, om op te
+zitten; er volgde een poosje zwijgen, en toen begonnen ze over ons te praten. Er was in de gamal al evenmin veel te zien als
+in de woonhuizen. Overal waren in het dakstroo wapens verborgen, tot dadelijk gebruik gereed, pijlen, bogen en geweren. De
+knodsen schijnen meer tot het uitgaanstenue te behooren en worden steeds meegedragen. Het zijn rechte stokken of ze zijn kromgebogen
+als sabels. Ze worden, anders dan de sabels, gebruikt met de concave zijde naar voren. Die knodsen worden op hoogen prijs
+gesteld en zijn vaak oude erfstukken. Ze worden bij elke zegepraal van een inkerving voorzien en die zegepralen worden bevochten
+door een vergelijking in sterkte met de knodsen van anderen. Ik heb een oud stuk gezien, dat zeven-en-zestig inkervingen droeg.
+Vroeger was de werpspeer in gebruik met tweehonderd-vijftig beenpunten; maar die is door het geweer verdrongen.
+
+</p>
+<p>De beenpunten voor speren en pijlen verkrijgt men van de beenderen van verwanten. Men begraaft het lijk in het woonhuis zeer
+oppervlakkig. Als het lijk vergaan is, wat in ongeveer een half jaar is gebeurd, graaft men het geraamte op. Den schedel laat
+men liggen, maar de beenderen worden verwerkt. Men neemt aan, dat met de beenderen ook de geestelijke en lichamelijke kracht
+op den bezitter overgaat, en dus zijn de beenderen van leden der hooge kasten zeer gezocht. De beenpunten <a id="d0e737"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e737">391</a>]</span>zijn natuurlijk vol van lijkengif en veroorzaken, ook bij lichte verwondingen, den dood. Ook de pijlpunten bestaan uit been
+van menschen; ze worden naaldscherp geslepen, zitten maar heel los in de schacht en blijven bij het uittrekken van de pijl
+in de wond zitten. Die is dan vergiftigd met een harsachtige massa, waarvan de bereiding slechts aan weinigen bekend is.
+
+</p>
+<p>Toen wij eenigen tijd in de gamal hadden gezeten, kwam de hoogste van de leden der aanwezige kasten en legde ons eenige yamsknollen
+voor de voeten. Het was een gastgeschenk, waarvoor we met wat tabak onze dankbaarheid betuigden. De lengte van de gamal richt
+zich naar de kaste van den hoogste, die de gamal ook laat bouwen, voor welken arbeid hij de mannen moet beloonen met een gastmaal
+en kleine geschenken. Voor zeer hooge kasten kan de gamal de aanzienlijke lengte van zestig meter bereiken, en als thans die
+huizen ten gevolge van het uitsterven van de inboorlingen ook onzinnig groot lijken en meestal leeg staan, ze herinneren aan
+vroegere tijden, toen met de kaste ook het gevolg van iemand aangroeide. Daar hier alle mannen in de gamal slapen, waren ook
+die reuzenhuizen eens vol slapende krijgers, die er met hun wapens boven zich in lange rijen rustten en bij een aanval dadelijk
+voor den strijd gereed waren. Tegenwoordig zijn de lange, ledige, pijpenla-achtige ruimten zoo ongezellig, dat ze veelal in
+het gebruik vervangen zijn door een nieuw gebouwde, kleinere gamal, waar de mannen zich gemoedelijker voelen.
+
+</p>
+<p>Een man te hebben gedood, is nog altijd een eer, en met trots draagt zulk een held een bos van zwart en witte ve&ecirc;ren op het
+hoofd, waaraan ieder kan zien, welk een dapper persoon v&oacute;&oacute;r hem staat. In Port Olry waren zulke bepluimde hoofden niet zeldzaam.
+
+</p>
+<p>De vrouwen worden niet hoog gesteld, mogen niet eens in of bij de gamal verschijnen en moeten de velden bewerken, maar dat
+is geen zwaar werk, zooals men wel kon denken, als men ze des middags onder een grooten last van de velden ziet terugkomen.
+Ze dragen de veldvruchten en het brandhout op het hoofd, hebben soms een zuigeling op den rug en een grooter kind aan de hand.
+Maar tegenwoordig is zulk een aanblik zeldzaam, nu er zoo weinig geboorten plaats hebben. Op den akker bestaat het werk enkel
+in het verzamelen der vruchten, het uitgraven van de yams, en wordt opgevroolijkt door gebabbel en door wat te snoepen, terwijl
+men vaak zit uit te rusten onder een opgeslagen afdak, waar gepraat en gerookt wordt.
+
+</p>
+<p>Ernstig is het werk alleen in den planttijd, als het bosch gerooid wordt en de omheiningen om de nieuwe velden worden gemaakt.
+Maar dan helpen de mannen mee; de geslachten sluiten zich aaneen, en gezellig gaat de arbeid als spelend van de hand. Men
+beloont elkander aan het eind wederkeerig met maaltijden en geschenken. Het aantal vrouwen bedraagt in Port Olry hoogstens
+een vierde van dat der mannen. Daaraan heeft mee schuld het gebruik, om bij den dood van een hoofd al zijn vrouwen op te hangen,
+een zede, die te verderfelijker werkt, daar de hoofden altijd veel jonge vrouwen hebben, terwijl de jonge mannen zich op zijn
+best een oude vrouw kunnen koopen. Gelukkig heeft men die gewoonte daar, waar de zendelingen en de planters hun invloed kunnen
+doen gelden, afgeschaft, vooral door het beroep op de jonge mannen, dat ze zich zelven daarmee het meest schaden. De vrouwen
+waren er echter niet mee ingenomen; velen wenschten den dood, daar ze anders door de ziel van den ontslapen echtgenoot zouden
+worden verontrust.
+
+</p>
+<p>Daar ik nog geen bedienden had, kon ik niet veel ondernemen in de dorpen van het binnenland. Ik hield mij meest op het zendingsstation
+op, waar de inboorlingen zich veel vertoonden, zoodat ik altijd menschen om mij heen had, op wie ik mijn studi&euml;n kon voortzetten.
+Ik gebruikte bij voorbeeld de gelegenheid, om metingen te doen en moest dan van de goede stemming gauw profiteeren. Als de
+toeschouwers de zaak belachelijk vinden, is ze verloren, want dan wil niemand er zich voor leenen. Het staat er al beter voor,
+als er vrees voor geheime tooverij in het spel is, want dan kan men met een geschenk en overreding nog wel eens moed en vertrouwen
+doen ontstaan. Maar het allerbest is bij de objecten het gehuichelde begrip van wat er gebeurt voor de wetenschap, of wel
+algeheele onverschilligheid, die zich zonder verder nadenken als object presenteert en dan met een munt of tabak getroost
+naar huis gaat, hoofdschuddend over de vele dwaasheden van de blanken.
+
+</p>
+<p>Eens had ik bij mijn veranda een flink aantal jonge mannen bijeen en begon met het werk. Daar verscheen plotseling een heer
+Fusil, een spraakzaam Franschman, die zich sedert eenige dagen in de buurt met den varkenshandel bezig hield. Ik was juist
+bezig met Paul, een vroegeren leerling van de zending, die mij al vaak was opgevallen om zijn onberispelijken bouw en zijn
+fluweelzachte huid. De heer Fusil trad op hem toe en gaf hem een hevigen slag op de borst met de woorden: &#8220;Jij hebt mij mijn
+varken ontstolen!&#8221;
+
+</p>
+<p>Negen van de tien inboorlingen zouden zich dat waarschijnlijk hebben laten welgevallen; maar Paul, die heel sterk was, zooals
+hij pas aan den dynamometer had bewezen, draaide zich om en maakte zich klaar, om te vechten. Dat had de heer Fusil blijkbaar
+niet verwacht; hij trok een mes uit zijn mouw en redde zich met een paar sprongen op de veranda van het huis, die voor de
+inboorlingen taboe was. Er ontstond een algemeen oproer. Beneden woedde de opgewonden menigte, Paul aan het hoofd, en wou
+de veranda bestormen. Ik kon Paul slechts met moeite ervan af stooten, en boven balde de heer Fusil zijn vuisten en uitte
+zijn woede in veel krachtige woorden.
+
+</p>
+<p>Op het rumoer kwam de pater uit het huis en kon de gemoederen eenigermate tot rust brengen, behalve Paul, die van woede schreide
+en aanhoudend er bij den heer Fusil op aandrong, van de veranda af te komen. Eindelijk gelukte het, gewaar te worden, waarover
+de twist liep. Fusil beschuldigde Paul, die hem een varken had verkocht, en misschien terecht, dat deze de touwen na de betaling
+had doorgesneden, zoodat het zwijn weer naar huis was geloopen. In <a id="d0e755"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e755">392</a>]</span>plaats van het dier had de heer Fusil toen een inboorling aan boord gelokt en dreigde, dien op een plantage te verkoopen,
+als hem het varken of de koopsom niet weer werd teruggegeven.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 422px"><img border="0" src="images/p1917-392-1.jpg" alt="Varkensoffer bij Port Olry." width="422" height="285"><p class="figureHead">Varkensoffer bij Port Olry.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De pater verklaarde, dat hij in dezen niet veel kon doen en vermaande de partijen tot vrede, natuurlijk te vergeefs. De heer
+Fusil rende op de veranda op en neer als een roofdier in een kooi en spuwde venijn, en Paul volgde hem beneden en daagde hem
+uit, den twist met hem aan het strand uit te vechten. De Franschman schimpte, dat hij dat om zijn eer niet kon doen, en hij
+had gelijk, want hij zou stellig duchtig geranseld zijn. Dat tooneel duurde zoowat een half uur, waarin de heer Fusil door
+alle zwarten werd bespot. Om dien voor het prestige van de blanken zoo verderfelijken toestand te doen eindigen, liet de pater,
+daar de inboorlingen toegaven, dat de heer Fusil een varken was ontstolen, het dier vervangen, waarna ook de onschuldige gevangene
+uit de boot aan land werd gezet. Toen verwijderde de pater Paul van het tooneel, en de heer Fusil werd veilig naar het strand
+begeleid, van waar hij spoedig al schimpend het ruime sop koos.
+
+</p>
+<p>De inboorlingen trokken zich tegen de schemering terug, beladen met een vracht vermaningen van den pater, maar innig pret
+hebbend in den streek. Mijn meten was leelijk in de war geraakt, wat de schuld was van den heer Fusil, maar die zal wel niet
+gauw weer zwijnen koopen in Port Olry.
+
+</p>
+<p>Hoe nietig deze quaestie ook was, ze is een voorbeeld van de manier, waarop conflicten ontstaan. Zakelijk en kalm had de twist
+kunnen worden beslist, als de heer Fusil niet zoo tactloos was opgetreden. Het zou bij een anderen blanke zeker niet zijn
+gebeurd, want de inboorlingen weten precies, wien ze voor hebben. Gelukkig had ik de volgende dagen ruim gelegenheid, mijn
+metingen en het photografeeren in te halen.
+
+</p>
+<p>Ik was al ongeveer drie weken in Port Olry en keek iederen dag met zielsverlangen uit naar de &#8220;Mary-Henry&#8221;, die mijn bagage
+zou brengen. Ik had alleen het volstrekt noodige bij mij; mijn wetenschappelijke uitrusting had dringend behoefte aan aanvulling,
+en mij ontbraken de dingen, die mij moesten helpen bij het prepareeren en conserveeren van zo&ouml;logische voorwerpen. Ik had
+hier een rijk veld voor verzamelen, vooral vogels waren in veel soorten aanwezig. Het schip kwam eindelijk; maar mijn bagage
+bracht het niet mee. Die was vergeten. Mijn teleurstelling was groot, en ik zag geen kans, de zaak vlug te verhelpen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-392-2.jpg" alt="Gamal of clubhuis bij Port Olry." width="611" height="455"><p class="figureHead">Gamal of clubhuis bij Port Olry.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De Mary-Henry voer naar Talamacco, en de pater en ik maakten van de gelegenheid gebruik, om mee te gaan, hij, om zijn collega
+te bezoeken; ik in de hoop, daar bedienden te vinden. Aan boord was ook de heer F., een engelsche planter uit Big Bay. Hij
+was een vriendelijke, altru&iuml;stische heer en beloofde mij, al zijn invloed aan te wenden bij de inboorlingen, om mij helpers
+te verschaffen voor mijn tochten.
+
+</p>
+<p>Bij dof regenwe&ecirc;r gingen we met het groote zeilschip zuidwaarts, en, bij het reizen met de kleine kotter vergeleken, was dit
+een verbetering, nu er een flinke hut aanwezig was, en men behalve stoelen ook een tafel, in plaats van kisten als plaats
+voor den maaltijd, ter beschikking had. De vierde passagier was een officier van de opmetingsexpeditie, een interessant mensch
+van weldoende natuurlijkheid. De kapitein was een echte zeerob, blijmoedig en ruw. Hij zorgde ervoor, dat de flesschen op
+tijd werden gele&ecirc;gd en dat de conversatie niet in al te hooge sferen belandde.
+
+<a id="d0e779"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e779">393</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 316px"><img border="0" src="images/p1917-393-1.jpg" alt="Johnny en Jimmy in &#8217;t hospitaal op Ambrym." width="316" height="461"><p class="figureHead">Johnny en Jimmy in &#8217;t hospitaal op Ambrym.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Den volgenden morgen landden we bij Talamacco in Big Bay. De pater ging naar zijn collega, en de officier en ik wierpen ons
+anker uit in het huisje van den heer F. Het regende in stroomen. Den volgenden dag werd een opzichter of moli van mijn gastheer
+erop uitgezonden, om arbeiders voor mij te zoeken, en gelukkig kwam hij met eenigen terug, van wie vier bereid waren, zich
+voor twee maanden bij mij te verhuren. Ik was overgelukkig en bracht den kostbaren buit dadelijk op het schip, opdat ze zich
+niet zouden bedenken en wegloopen.
+
+</p>
+<p>Bij de heeren Th., jonge mannen van goede australische afkomst, die een kokosplantage op Talamacco hadden, woonden we een
+offerfeest bij van de inboorlingen. We moesten toen verscheiden uren door het oerwoud marcheeren. Mijn mannen hadden zich
+allen in Zondagsdos gestoken en hadden broeken en hemden aan van kleurig katoen. Het haar boven het voorhoofd was met houtasch
+bestreken, en een paar hadden zich zelfs geschoren.
+
+</p>
+<p>&#8220;Well, boys, are you ready?&#8221;&#8212;&#8220;Yes, Master!&#8221; klonk het overtuigd; maar daarbij werden de lasten nog samengebonden. Er werd
+een poosje gewacht, en toen klonk het: &#8220;Well, me me go.&#8221;&#8212;&#8220;All right, you go&#8221;, is het antwoord. Ze leggen een paar schreden
+af en wachten dan weer. E&eacute;n komt aan de hut en zoekt een stok, om zijn pak te dragen, de andere zoekt een deken. Maar ten
+laatste gelukte het, met een kwartier verlating af te marcheeren, wat ook niet zoo erg is, daar geen spoortrein op ons wacht.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 353px"><img border="0" src="images/p1917-393-2.jpg" alt="Een knaap van Maevo." width="353" height="458"><p class="figureHead">Een knaap van Maevo.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De inboorlingen juichten en lachten, maar spoedig waren we in het woud, waar het donker was en stil, en waar allen zwegen.
+Op een nauwelijks zichtbaar pad ging het uren lang verder door de overal gelijke dichte woudzee, waar we ons door de golven
+van plantengroei met het mes een weg moesten banen. Eerst tegen den avond bereikten we de plantage van de heeren Th., waar
+rust en een maal ons wachtten. Maar verder moesten we nog door den nacht, die donker was zonder maneschijn. De bedienden hadden
+fakkels gemaakt van palmbladeren, die ze door zwaaien in gloed hielden.
+
+</p>
+<p>Na korten tijd hoorden we geluid in de verte, de trommels van de feestplaats, die we al spoedig door den glans van de vuren
+konden vinden. Een groep van mannen viel ons het eerst op. Ze stonden in een kring om een groot vuur, en wij aanschouwden
+een warreling van knodsen, geweren, vederbossen, zware haarpruiken, ronde hoofden en heftig bewegende armen. Een onregelmatig
+jodeln en gillen en fluiten klonk uit de menigte; dan liet zich een eentonig gezang hooren, waarbij de maat met den voet werd
+gestampt. Allen deden geestdriftig mee, en het zweet gudste hun langs de borst neer.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 319px"><img border="0" src="images/p1917-393-3.jpg" alt="Hoofdreiniging. De buit wordt door den eigenaar van de jachtgronden opgegeten." width="319" height="454"><p class="figureHead">Hoofdreiniging. De buit wordt door den eigenaar van de jachtgronden opgegeten.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Dit waren de gasten; zij, die het feest gaven, stonden op zij bij een stellage, waarop yamsknollen lagen. De mannen liepen
+langzaam om dat altaar heen. In hun handen droegen ze zware bamboekokers, waarmee ze in de maat op den grond stampten, zoodat
+een dof, dreunend geluid ontstond. Ze zongen een eentonige melodie, door een voorzanger ingezet. Daarbij sprongen ze in de
+maat van den eenen voet op den anderen, langzaam en ve&ecirc;rend. Aan de beide kanten van dien kring van dansenden stonden de vrouwen
+in Eva&#8217;s costuum en over het heele lichaam ingesmeerd met roet. Aan het slot van de mannengezangen zongen ze het refrein mee,
+<a id="d0e807"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e807">394</a>]</span>en dansten ook. Nu en dan sloot er zich een vrouw bij de mannen aan en danste met hen.
+
+</p>
+<p>Het geheel maakte een indruk van vreemde romantiek, van woestheid en hartstocht; maar het was prachtig door het roode licht,
+dat op de naakte, glanzende lichamen viel. Niets was anders zichtbaar tusschen hemel en aarde in den donkeren nacht, niets
+dan die rood beschenen groepen van een tweehonderd menschen, die zich onbezorgd aan hun vermaak overgaven, zich niet bekommerend
+om den volgenden dag. Het feest duurde zonder alcohol den geheelen nacht. De menigte werd steeds hartstochtelijker, de dans
+doller, en het gezang luider. We stonden ter zijde, niet in staat, mee te voelen, wat het vermaak van die lieden was, wat
+hen tot zulk een inspanning aanzette, als in een zonderlinge, voor ons gesloten wereld.
+
+</p>
+<p>Een dikke, oude man bleef bij ons en nam de honneurs waar. Ik lette weinig op hem, tot mijn bedienden mij zeiden, dat dit
+de &#8220;big fellow master&#8221; was, het hoofd, die het feest gaf en die morgen door het offeren van de varkens een zeer hooge kaste
+zou bereiken. Toen kreeg hij natuurlijk een handvol tabaksrolletjes, en even natuurlijk vroeg hij om meer, namelijk om mijn
+goede, trouwe pijp. Dat verzoek kon ik, ook weer natuurlijk, niet inwilligen. Om hem niet te beleedigen, zei ik hem, dat de
+pijp taboe was, en daar hij als hoofd de heiligheid van het taboe in de eerste plaats had te eerbiedigen, knikte hij begrijpend
+en was tevreden gesteld. Ik beloofde hem dan nog, morgen op zijn eeredag tegenwoordig te zijn en nam afscheid.
+
+</p>
+<p>Het was niet te vroeg, want nauwelijks waren we op de plantage teruggekeerd, of er brak een hevige regen los. Het zal zoowat
+vier uur in den morgen zijn geweest.
+
+</p>
+<p>Den volgenden dag gingen we opnieuw naar de feestplaats. Het regende nog steeds, en van de struiken veegden we de droppels,
+zoodat we in korten tijd doornat waren. Terwijl dat op zichzelf al niet heel geschikt is, om iemand in feeststemming te brengen,
+kon wat we zagen, dat evenmin doen. Om het plein in het natte woud stonden en hurkten de inboorlingen in groepen, beverig
+en katterig. Bij een paar vuren trachtten ze zich te warmen, maar zonder veel gevolg. In verveling keken ze ons zonder een
+woord aan en lieten ons voorbijgaan. Eenige vrouwen hadden zich van groote bladeren regenschermen gevlochten, vlakke schijven,
+die ze op de onbehaarde hoofden lieten balanceeren. Het zwartsel van de feestdracht had de regen totaal afgewasschen. De feestplaats
+was verlaten. Een troep blaffende honden sprong als gewoonlijk op ons toe, eenige kinderen speelden in het slijk, anders was
+er niets te zien.
+
+</p>
+<p>Wat we des avonds niet hadden kunnen zien, was nu zichtbaar, namelijk de gamal of het mannenhuis, waarvoor als zuilen eenige
+met wilgenloof omslingerde palen stonden. Zoowat ieder half uur bracht een man een varken aan een touw op het plein. Daar
+sommige van die dieren met de gewonden tanden heel kwaadaardig zijn, waren er wel eens twee mannen noodig, om het varken vast
+te houden. Het hoofd danste herhaaldelijk om het dier heen en ging dan de gamal binnen.
+
+</p>
+<p>Het valt niet gemakkelijk, zich telkens het noodige aantal zwijnen te verschaffen, om in een hoogere kaste te worden opgenomen.
+Men leent ze vaak, en nu bestaan er talrijke amuletten, die den zoekende bij zijn vragen kunnen helpen. Meestal zijn dat vreemd
+gevormde steenen, vaak ook kleine varkentjes, uit zachte tufsteen gesneden, die men in de hand of in den gordel draagt, om
+de harten milddadig te stemmen. Zulke amuletten erft men dikwijls, en ze worden voor groote sommen gekocht.
+
+</p>
+<p>De heele namiddag ging ermee heen, eer alle varkens omdanst waren. Wij brachten den tijd meestal in de open lucht rillend
+door, wat we nog verkozen boven het oponthoud in de hut. Daar toch lagen schots en scheef over elkander in de ongemakkelijkste
+houdingen de dansers van den vorigen avond te snorken. Anderen klappertandden van kou, en weer anderen keken grimmig in het
+rond. Er werd ons een eereplaats aangeboden op een dwarshout, en daar zou het wel goed zijn geweest, als niet een bevende
+oude man zich, als om warmte te zoeken, tegen mij had aangedrukt en in zijn halve sluimering zijn met olie gedrenkt hoofd
+op mijn schouder wilde leggen, en het alleronaangenaamst waren myriaden vlooien, waarvoor ik mij eerst veel te laat door de
+vlucht uit de voeten maakte.
+
+</p>
+<p>In den namiddag waren ongeveer zestig varkens vastgebonden. De hoofdman nam een ouden geweerloop en sloeg den dieren den schedel
+in. Honden en menschen vielen op de stuiptrekkende slachtoffers aan; de honden likten het bloed op, de menschen droegen brokken
+mee naar huis, en de gastheer, de &#8220;big fellow master&#8221;, kon het hoofd eenige duimen hooger dragen, al was het feest in den
+echten zin in het water gevallen; wij gingen druipnat door het druipende woud naar huis en trokken zoo spoedig mogelijk droge
+kleeding aan.
+
+</p>
+<p>Vroeger werden bij dergelijke gelegenheden ook menschen opgegeten, om de feestelijkheid te verhoogen. Het laatste kannibalenmaal
+was in deze streek in het jaar 1906 gehouden en had de volgende aanleiding. Verscheiden jonge mannen liepen als altijd met
+hun geladen en gespannen geweren door het bosch, de een achter den ander. Daarbij ging het geweer af van een jongen knaap,
+die geen vrienden en verwanten had, en doodde zijn achterman, den zoon van een invloedrijk inboorling. Allen waren het erover
+eens, dat er van een moordplan geen sprake was, maar dat alleen een ongelukkig toeval in het spel was. Niettegenstaande dat
+verlangde de bedroefde vader een aanzienlijke som van den armen jongeling, die ze zelf niet kon betalen en wien niemand de
+verlangde zwijnen wilde leenen. Daar de vader dreigde en aandrong, vluchtte de jongen naar een naburig dorp. Daar werd hij
+wel vriendelijk opgenomen, maar in het geheim stuurden de menschen een boodschap naar den vader en verzochten instructies,
+wat ze met den jongen man moesten doen. Het antwoord luidde: &#8220;Straf hem met den dood en eet hem op!&#8221; De dorpelingen gaven
+toen een groot feest ter eere van hun lieven gast, en sloegen hem daar met <a id="d0e827"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e827">395</a>]</span>een bijl dood, om hem daarna naar den eisch te braden.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-395-1.jpg" alt="Koraalbanken aan de kust van Maevo." width="615" height="255"><p class="figureHead">Koraalbanken aan de kust van Maevo.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Ik keerde naar Port Olry terug, waar ik den pater niet meer aantrof. Hij was op een voorbij varend schip weer naar een anderen
+collega gereisd, daar zijn beroepsplichten hem veel vrijen tijd lieten. Hij bezette namelijk in Port Olry op Espiritu Santo
+een verloren post, daar de inboorlingen van de zending niets wilden weten, al stonden ze er niet bepaald vijandig tegenover.
+Maar een innerlijke behoefte aan bekeering voelden ze niet, en daar de arme katholieke zending hun geen groote voordeelen
+kan aanbieden in tegenstelling tot de rijkere presbyteriaansche missie, zagen ze geen reden, waarom ze hun oud geloof zouden
+opgeven. De goede pater leefde hoogst eenvoudig in een bouwvallig huis met een oud echtpaar uit Malekula.
+
+</p>
+<p>Bij de afwezigheid van den pater verliep het leven als gewoonlijk. Ik bezocht de dorpen, verzamelde schedels of ging op de
+jacht of uit visschen. Paul en een vriend verkochten mij een paar aardige varkentjes, waarvan het eene dadelijk in den kookpot
+verhuisde. Den volgenden dag kwam een schuchtere man en beklaagde zich bij mijn bedienden, dat Paul de zwijntjes van hem had
+gestolen.
+
+</p>
+<p>&#8220;Natuurlijk weer Paul&#8221;, dacht ik en ijlde naar het dorp met het stellig voornemen, hem eens duchtig de waarheid te zeggen.
+Ik vond hem in de hut, languit voor het vuur uitgestrekt. Hij bekende in de grootste openhartigheid, dat hij wel zelf de dieren
+niet had gestolen, maar ze voor zijn vriend, die ze had weggenomen en die de Biche-la-mar of vreemde taal niet kon spreken,
+had verkocht. Ik vond zijn kalmte daarbij zoo opmerkelijk, dat het mij bijna speet, de koopsom, wat tabak, weer terug te vorderen.
+Hij gaf die gewillig af, en toen zetten de dief en de bestolene zich samen aan het vuur en bespraken het geval rustig en zakelijk,
+alsof ze er niet zelf bij betrokken waren. Ik keerde toch onbevredigd terug en wist niet, of Paul zeer na&iuml;ef of uiterst slim
+was.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-395-2.jpg" alt="Ingang van een smal dal op Maevo." width="614" height="345"><p class="figureHead">Ingang van een smal dal op Maevo.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Eenige dagen later klaagde een inboorling, dat zijn broeder ziek was, en of ik hem medicijn wilde geven. Ik kreeg eindelijk
+zooveel uit hem, dat de pati&euml;nt een gezwollen lijf had en vernam toen ook de oorzaak, namelijk dat hij acht dagen geleden
+op een doodenmaal alleen een heel vierdepart van een varken had opgegeten. Men wou dat echter niet als de oorzaak van de ziekte
+erkennen; maar men hield stijf en sterk vol, dat hij door den een of anderen vijand was vergiftigd.
+
+</p>
+<p>Ik gaf den man calomel met de aanwijzing, het den zieke dadelijk te brengen, want het moest gauw gebeuren. Maar de man verpraatte
+zijn tijd; het werd nacht; hij durfde niet alleen door het bosch te gaan en sliep aan de kust. Den volgenden morgen stierf
+de zieke. De bode haalde de schouders op en zei, dat het nu eenmaal zoo was.
+
+</p>
+<p>De dood maakte natuurlijk de vergiftiging tot zekerheid, en daarom werd het lijk niet begraven, maar in de hut op een baar
+gelegd met al zijn sieraden. Om hem heen zaten de vrouwen.
+
+</p>
+<p>Een afschuwelijke reuk vervulde al spoedig de hut, waar de vrouwen nog tien dagen lang bij het rottende lijk in een wolk van
+vliegen moesten verblijven. Ze verbrandden daarbij sterk riekende kruiden, en om de vloeistoffen te laten wegloopen uit het
+bewoonde gedeelte van de hut, werd dwars erdoorheen een goot gegraven.
+
+</p>
+<p>Neus en mond van den doode waren met aarde en kalkbrij dichtgemaakt, misschien, om de ziel in het lichaam te houden. Om het
+lijk maakte men in de hut een miniatuurhuisje van bamboe en liet het daarin vergaan.
+
+</p>
+<p>In de naburige gamal zaten de mannen, boos en wraakzuchtig, en zinden op oorlog. Die brak dan ook spoedig uit na mijn vertrek
+en stelde den zendeling aan groote gevaren bloot.
+<a id="d0e857"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e857">396</a>]</span></p>
+<p>De heeren Th. hadden de vriendelijkheid gehad, mij uit te noodigen voor een tochtje naar Maevo, het noordoostelijkste eiland
+van de groep. Nadat we verscheiden dagen op goed weer hadden gewacht, voeren we eerst naar Aoba, waar we den nacht doorbrachten;
+toen langs de kust, waar we niet minder dan twaalf werfschepen zagen, die natuurlijk ieder minstens een half dozijn inboorlingen
+aan boord hoopten te krijgen. Als men bedenkt, dat dit meer dan een half jaar zoo voortduurt, en dat alleen die inboorlingen
+zich verhuren, die om de een of andere reden zich te huis niet meer op hun gemak voelen, zal men inzien, dat de niet meer
+talrijke bevolking der betrekkelijk kleine eilanden niet aan de behoeften van de planters kan voldoen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-396.jpg" alt="Een taroveld op Maevo in het oerwoud." width="720" height="409"><p class="figureHead">Een taroveld op Maevo in het oerwoud.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Met een flinke vaart voer de kleine kotter door het kanaal tusschen Aoba en Maevo. In een kouden regen wierpen we het anker
+uit bij Naroworo. Na de gebruikelijke dynamietontploffing brachten we eenige arbeiders aan land, die hun jaar bij de heeren
+Th. hadden uitgediend. Een deel van hun loon hadden ze in goederen omgezet, en nu versierden ze zich met al die heerlijkheden,
+om zich aan de hunnen voor te stellen in volle pracht en staatsie. Splinternieuwe broeken, prachtige witte tricothemden, kleurige
+dassen, elegante hoeden, schoenen, die hun het loopen moeilijk maakten, en, groote parapluies. Ze zagen er beklagenswaardig
+uit in dien staat, want ze voelden zichzelven ongemakkelijk in de ongewone kleeding en hadden veel moeite, die behoorlijk
+aan te trekken. Tegen den middag kwamen vrienden en bloedverwanten aan de kust, om hen af te halen. De ontvangst was aan weerszijden
+merkwaardig koel; nauwelijks groette men elkander, en het leek, of men elkaar pas gisteren had gezien. Met meer belangstelling
+werd de inhoud van de kist onderzocht, die ieder arbeider meekrijgt, en waarin de rest van de goederen wordt geborgen, die
+hij niet aan het lijf kan hangen, lampen, petroleum, katoen, messen en dergelijke dingen. Meestal worden die koffers door
+de lieve verwanten al aan de kust geplunderd, zoodat de man weinig loon voor zijn arbeid krijgt. Hier echter liet men den
+schat intact en droeg de zware kisten de bergen in. Zonder een plechtig afscheid van hun meester slopen de arbeiders achter
+hun bezitting aan. Dat en de koele ontvangst zijn hier zoo de &eacute;tiquette.
+
+</p>
+<p>Maevo is beroemd om de mooie vlechtwerken, die er vervaardigd worden, kleine en groote matten van pandanenbladeren, vaak prachtig
+gemaakt. Eenige vrouwen hadden er verscheiden voor ons uitgespreid, en we konden een groot aantal koopen. Overigens wordt
+er weinig moois op Maevo vervaardigd, en houtsnijwerk ontbreekt geheel.
+
+</p>
+<p>De bevolking verschilt van die van Santo, en de zeden zijn er anders. De mannen dragen niets dan een bosje bladeren voor het
+lijf; de vrouwen een dergelijke rij matjes als op Malekula. Het viel mij op, hoeveel lang krullend haar men er ziet, meestal
+samengaand met een nog al lichte huidskleur. Ook zijn hier de vrouwen groot en geneigd tot zwaarlijvigheid. Eenige mannen
+waren ook forsch gebouwd en hebben haakneuzen, wat op polynesische bloedmenging kan wijzen. Naast dit type vindt men er een
+kleiner, donkerder, met kroeshaar als van negers. Dat is het melanesische type.
+
+<a id="d0e871"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e871">397</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-397-1.jpg" alt="Besproeid taroveld in Noord-Santo." width="720" height="397"><p class="figureHead">Besproeid taroveld in Noord-Santo.</p>
+</div><p>
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1917-397-2.jpg" alt="Laatste kamp aan de Jordaan in Centraal-Santo." width="720" height="404"><p class="figureHead">Laatste kamp aan de Jordaan in Centraal-Santo.</p>
+</div><p>
+
+<a id="d0e882"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e882">398</a>]</span></p>
+<p>In het kalkgesteente, dat de kust der eilanden vormt, zijn verscheiden holen, waar de inboorlingen thans nog voor een deel
+slapen, als ze aan de kust komen. Een ervan was zeer diep, en de zwarten waren er bang voor en wilden ons niet begeleiden
+bij ons bezoek, daar gebracht. We vonden er niets anders dan vleermuizen, die bij de storing ons om het hoofd vlogen. De andere
+holen waren niet anders dan overhangende rotsen. Ik groef er in de vuurplaatsen, of ik er mogelijk steenen werktuigen zou
+kunnen vinden; maar de haarden waren maar oppervlakkig, en ik haalde er slechts wat splinters van schelpen uit.
+
+</p>
+<p>Op een dag ondernam ik een tocht dwars door het eiland, dat daar heel smal is. Mijn bediende uit Santo was vreesachtig en
+waarschuwde mij, dat de menschen van Maevo niet te vertrouwen waren. Hij wou volstrekt wapens meenemen, en om hem gerust te
+stellen, liet ik hem het jachtgeweer dragen. Hij belastte zich nog bovendien met een heele doos patronen en was dus van plan,
+zijn leven duur te verkoopen. Natuurlijk hadden we de wapens niet noodig; de menschen waren allen vreedzaam en gastvrij, al
+hadden ze nooit blanken gezien. Voor de handelaars heeft het aan copra arme eiland geen belang, en het klimaat is zoo vochtig,
+dat de zendelingen zich allen na korten tijd moeten terugtrekken om hun rheumatiek. Nu bezoekt telkens een zendeling van de
+melanesische missie het eiland voor een paar weken in het jaar en laat voor het overige het werk in handen van de inlandsche
+onderwijzers.
+
+</p>
+<p>De weg was steil, en mijn boy kreeg de straf voor zijn onredelijke vreesachtigheid door de zwaarte van de patronen. Ik genoot
+van de schilderachtige uitzichten. De flora was veel rijker dan op Santo, en de bergachtigheid riep prachtige landschappen
+te voorschijn. Van de pashoogte, die wij in ongeveer drie uren bereikten, hadden we door het woud een heerlijk gezicht op
+den Stillen Oceaan, de eindelooze watervlakte, die ik in San Francisco eens uit het Oosten had bewonderd. Het ging nu steil
+naar beneden, en kleine beekjes vergezelden ons op ons pad. Liefelijke watervalletjes waren overal tusschen de kleurige planten
+te zien, en zooals de beide knapen, die met ons gingen als gidsen in hun bruine naaktheid met de roode bloemen boven ieder
+oor, zich onder den straal plaatsten en het afkoelende water in den mond opvingen, schiepen ze een tooneeltje, dat mij nooit
+uit de herinnering zal gaan. Men is bij zoo&#8217;n gelegenheid teleurgesteld, dat de kleurenphotografie nog niet practisch bruikbaar
+is, of ook dat men met de camera te laat komt, want tot poseeren kan men de inboorlingen natuurlijk niet brengen.
+
+</p>
+<p>De menschen in het dorp waren zeer vertrouwelijk, en brachten mij hun schatten, matten, wapens, banden van schelpen en varkenstanden.
+In de buurt van de huizen waren de goed onderhouden dansplaatsen, en verder in het bosch stonden manshooge monolieten, resten
+van een vroegeren eeredienst, dien het tegenwoordige geslacht niet meer kent, maar waartegen ze nog eerbiedig opzien.
+
+</p>
+<p>Bij den terugkeer naar de westkust vond ik in een dorp de arbeiders, die wij hadden teruggebracht. Enkelen waren nog in hun,
+nu vuil geworden, feestdracht; de anderen hadden zich weer aan het nationale costuum gewend, den eenvoudigen katoenen lendenband.
+Het bladerbundeltje was hun toch te primitief. Ze waren juist aan de voorbereiding van kawadrinkerij en begonnen al aardig
+vroolijk te worden. Men drinkt hier kawa als wij bier, dus als men er lust in heeft, en de gelegenheid zich voordoet. Van
+de oude plechtigheden bij gebruik en bereiding van den drank is niets overgebleven. De wortel wordt met scherpe koralen geraspt
+en de vezels met water gekneed. De dunne brij wordt door de scheede van een palmblad in een kokosschaal gegoten en smaakt
+naar zeepwater met pepermunt. Ze brandt in den mond, zoodat de drinkers telkens met kokosmelk spoelen voor de verzachting.
+De uitwerking bij overdadig gebruik is een slaperig tevreden stemming en een lam gevoel in de beenen.
+
+</p>
+<p>Nadat we ons nog een paar dagen aan de kust hadden opgehouden en daarbij twee inboorlingen hadden kunnen recruteeren, voeren
+we naar huis, waar we door de beide honden van de heeren Th. met stormachtige blijdschap werden begroet.
+
+</p>
+<p>Zooals afgesproken was, verwachtten mij mijn boys met de kleine roeiboot van den pater in Hog Harbour. Wij voeren langs de
+kust naar Port Olry, waar na een paar dagen een van de broeders Th. weer verscheen. Hij deed een toer om Santo en bood mij
+aan, mij naar Talamacco mee te nemen. Ik nam van mijn gastheer, pater B., weemoedig afscheid, want wij waren in de bijna twee
+maanden, die ik in zijn huis had mogen doorbrengen, vrienden geworden, en ik geloof, dat hij zijn hernieuwde eenzaamheid niet
+juist met genoegen tegemoet zag. Ik heb hem, helaas, niet meer gezien. In Port Olry en Hog Harbour is het later zeer woelig
+geweest; maar de pater is er niet het offer van geworden.
+
+</p>
+<p>In Talamacco ontving de heer F. mij weer gastvrij en ruimde voor mij een huis in, dat hij eens voor zijn jonge, kort geleden
+gestorven vrouw had laten bouwen. Hij heeft mij gedurende mijn verblijf van twee maanden de grootste vriendelijkheden bewezen
+en mijn studi&euml;n naar vermogen gemakkelijk gemaakt.
+
+</p>
+<p>Daar er in de naaste omgeving niet veel interessants was te zien, besloot ik, een reis naar Centraal Santo te ondernemen.
+Ik besprak het plan met den heer F., die mij zijn opzichter, den moli, voor den tocht ter beschikking stelde. Deze zorgde
+voor dragers en beloofde, op reis toezicht op hen te houden. Ik heb veel dienst van hem gehad, vooral omdat hij met bijna
+alle hoofden van het binnenland bekend was, en ik mij in alles op hem kon verlaten.
+
+</p>
+<p>Na een lange regenperiode was er een heldere dag gekomen, waarop wij na een vaart van drie uren bij de monding van de Jordaan
+aan wal gingen. De dragers droegen de bagage aan land en trokken toen met geschreeuw en druk gepraat de boot in het struikgewas
+en dekten ze met takken toe. Over een paar dagen zou de boot door andere inboorlingen weer naar haar plaats worden teruggebracht.
+<a id="d0e903"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e903">399</a>]</span></p>
+<p>Wij trokken ons terug in de schaduw van het oerwoud en kookten ons middagmaal, een taak, waar de dragers zich met ambitie
+aan wijdden. Er was rijst en voor ieder, om de geestdrift voor de onderneming aan te wakkeren, een teugje absinth. Ik liet
+toen de bundels snoeren en de negen dragers braken op met den moli aan de spits. Eerst ging het door de vlakte, die de Jordaan
+gevormd heeft met bergpuin; we lieten de rivier westelijk liggen en marcheerden in zuidoostelijke richting. Na een uur traden
+we uit het woud in een moerassige vlakte, wat op Santo iets zeldzaams is; het riet was er meer dan van manshoogte. Tegen de
+schemering moesten we door het bosch ons op een door den regen glibberig pad omhoog werken naar een overhangende rots, waar
+we den nacht zouden doorbrengen. We waren er droog; het schijnsel van de vuren reikte niet ver en zette slechts de naaste
+omgeving in een rood licht. De zwarten moesten zich wegens watergebrek met thee en beschuit tevreden stellen, daar we geen
+rijst konden koken. Ze gingen al spoedig slapen op een legerstede van bebladerde takken naast het glimmende houtvuur. Ik las
+nog korten tijd en bluschte toen de lantaarn.
+
+</p>
+<p>Des morgens moesten de dragers zich met droge beschuit vergenoegen; er was nog juist zooveel water, dat ik een kop thee kon
+krijgen. De moli was den weg kwijt, en eerst na lang zoeken kwamen we weer op het goede pad. Het was een eentonig dringen
+door de struiken, ontwarren van lianen en omtrekken van al te dichte gedeelten. Gelukkig stieten we op bamboeboschjes, die
+water leverden voor mijn dorstige dragers. Ook vulden we ons vaatwerk en kookten thee. Over een oneffen plateau vervolgden
+we onzen weg, en na een half uur troffen we een goed onderhouden aanplanting van yams en weldra een ontgonnen gedeelte, waar
+bataten, yams en kawa werden gekweekt. In de nabijheid van het dorp verzamelde ik mijn troep en in een net gelid trokken we
+het dorp binnen.
+
+</p>
+<p>Hoewel de bewoners vriendelijk gezind heetten, kon ik toch bemerken, dat mijn mannen zenuwachtig waren. Ze grepen hun wapens
+ostentatief vast en bleven dicht bij elkander. Op een plein stond het mannenhuis, een lang en laag gebouw met rieten dak,
+rustend op den grond. In de donkere, vochtige ruimte lag maar een enkele man, die door lepra een voet had verloren. Met moeite
+stond hij op en deelde aan den moli mee, dat de beide hoofden in een naburig dorp bij een feest waren, en dat de andere mannen
+verspreid waren op de velden. Wij gingen dus geduldig op den grond zitten wachten, door varkens besnuffeld, terwijl de moli
+een trommel bewerkte, die voor de gamal in het slijk lag. Hij had zijn eigen maat, die de inboorlingen van het district kenden
+en gaf daardoor zijn aankomst te kennen. De mannen kwamen langzamerhand opdagen.
+
+</p>
+<p>Bijna allen waren ziek en leden aan lepra, elefantiasis of tuberculose. Allen waren na de lange regenperiode verkouden, waren
+aan het hoesten of leden aan rheumatiek, een treurig beeld van ziekte en verval. Ik liet de bagage in de hut brengen en beval
+de boys eten te koopen, kippen, yams, varkens en kokosnoten. De menschen schenen overvloed te hebben, want ze brachten ons
+meer, dan we noodig hadden, en waren met wat tabak en een paar doosjes lucifers tevreden. Terwijl mijn mannen bezig waren
+met het vuur, deed ik eenige lichaamsmetingen, en al was er wel een beetje wantrouwen bij het zien van de glinsterende instrumenten,
+de tabak was te aanlokkelijk en overwon de bedenkingen. Een nieuwsgierige menigte stond om mij heen en verhoogde de onbehagelijkheid
+van wie object van mijn arbeid moest wezen. Men is verbaasd, vreest voor geheime tooverij, maar wil den blanke toch niet graag
+het bevelend verzoek weigeren. De vrouwen, die in de verte toezagen, want ze mogen het plein om de gamal niet betreden, waren
+leelijk en hadden weer het met asch besmeerde, kale hoofd, terwijl ze in het tusschenschot van den neus korte stokjes droegen
+of platte steentjes.
+
+</p>
+<p>Tegen den avond verschenen de hoofden, twee groote, knappe mannen met lange baarden en dichte haarbossen. Als teeken van hun
+waardigheid hadden ze breede armbanden om en donker gekleurde crotonbladeren aan den lendengordel. In hun haar hadden ze een
+eenvoudigen kam en zwijnestaartjes, en in de ooren sieraden van schildpad en been. Op mijn laag veldbed sliep ik in de gamal,
+omsnuffeld door honden, die kwamen en gingen in de hut. Des morgens liet ik de vrouwen aan den rand van het plein komen en
+begon mijn metingen. Er heerschte onder de vrouwen en meisjes een stemming van onderworpenheid en gedruktheid, zooals bij
+haar slavinnenpositie te verwachten was. Komisch was het, hoe onhandig ze waren bij het photografeeren. Ze konden zich niet
+rustig houden en bewogen handen of vingers, voeten of teenen op zenuwachtige manier. De profielopneming was haar niet aan
+het verstand te brengen. Toch gelukten ten slotte enkele opnamen.
+
+</p>
+<p>Voor het vervoer van de groote, den vorigen dag gekochte yams had ik meer dragers noodig, en gewillig boden de hoofden aan,
+mij te helpen. Er was niet veel lust bij de mannen, om mij te vergezellen, en het bevel van de hoofden had weinig effect.
+Toen had &eacute;&eacute;n van hen het idee, zijn vrouwen voor den dienst te gebruiken, en dadelijk stonden zijn vijf gemalinnen op en belastten
+zich met driemaal zoo zwaren last als de mannen. Die werd met lianen samengebonden en op het hoofd gedragen. Alleen de favoriete
+droeg niet anders dan een kleine vrucht en mocht voorop gaan en den weg open slaan. Zij was een nog mooie, jonge vrouw.
+
+</p>
+<p>De heele colonne van wel dertig personen liep nu in den helderen morgen een paar uren over vrij gelijk terrein tot naar het
+volgende dorp. Bij den rand van de open plek om het mannenhuis gingen de vrouwen zitten naast de lasten. De vrouwen uit het
+dorp kwamen bij haar en lieten zich allerlei vertellen van den grooten dokter en toovenaar. Wij mannen begaven ons in de gamal,
+waar de bewoners ook terstond werden ingelicht. De gezondheidstoestand was hier nog treuriger dan in het eerste dorp; ik zag
+geen enkelen gezonde, en de zindelijkheid liet nog meer te wenschen over. Overal zweren en builen en uitgeteerde gestalten.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 424px"><img border="0" src="images/p1917-400-1.jpg" alt="Pottenbakster in Woes op Santo." width="424" height="316"><p class="figureHead">Pottenbakster in Woes op Santo.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Ik betaalde de dragers uit het andere dorp met <a id="d0e925"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e925">400</a>]</span>tabak en lucifers, nadat ze met den prijs zich tevreden hadden verklaard. Toen ze op het punt waren, weg te gaan, zei de tolk,
+dat ik de vrouwen nog moest betalen, wat echter in den prijs was begrepen. Ik hield het voor een middeltje, om den blanke
+nog meer af te persen en weigerde beslist. Er was lang een ontevreden wachten voor de hut, tot ze eindelijk verdwenen, maar
+de stemming was erdoor bedorven, en ik beproefde niet, de menschen te meten, wetend, dat ik geen succes zou hebben met mijn
+verzoek. Daarbij deed zich het onaangename gevolg gevoelen van mijn verblijf onder deze wilden, want ik vond in mijn hoed,
+mijn zakken en overal bloeiende koloni&euml;n van ongedierte. Het was een gruwelijke gewaarwording, en hier kon ik niet aan een
+grondige reiniging denken.
+
+</p>
+<p>Slechts met groote moeite kon ik eenige dragers voor het volgende dorp krijgen, waar het hoofd en eenige mannen voor de gamal
+zaten en koel en onvriendelijk waren. De dragers verlieten ons, en ofschoon ik hier geen hulp kon krijgen, waren ze niet te
+bewegen tot verderen dienst. Het hoofd, dat goed Engelsch sprak, wou wel met ons meegaan, maar zei, geen enkelen gezonde ter
+beschikking te hebben. Mijn mannen waren ook mismoedig; ik kon hun geen zwaardere lasten geven. Ik liep met den hoofdman vooruit,
+toen de moli mij kwam zeggen, dat er een bedenkelijke gisting onder de lieden was; ze waren bang, om verder in het binnenland
+door te dringen en wilden allen deserteeren. Ik liet stilhouden en verklaarde, dat de lasten niet te zwaar waren, dat ze gisteren
+bijna niets en vandaag nog niet veel hadden gedaan, en dat ze allen konden wegloopen, als ze wilden; de moli en ik zouden
+den weg wel samen vinden. Als de lasten te zwaar waren, zou ik de conservenbussen wel weggooien en ook de beide flesschen
+sterken drank, die ik niet voor mijzelf had meegenomen. Ik beval, de flesschen uit te pakken en tegen de rots te verpletteren.
+Dat was te veel; haast schreiend smeekten ze mij, dat toch niet te doen; ze wilden den last wel dragen, en de weg was niet
+meer lang. Aarzelend gaf ik toe en na een paar dreigementen had ik gewonnen spel, maar het vertrouwen in mijn mannen had een
+schok gekregen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 434px"><img border="0" src="images/p1917-400-2.jpg" alt="Pottenbakster in Pespia op Santo." width="434" height="258"><p class="figureHead">Pottenbakster in Pespia op Santo.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De volgende dagen bleven ze gewillig en goed, terwijl ik in het Noordoosten van het eiland nog eenige dorpen bezocht. De moli
+begon naar huis te verlangen, en het seizoen was niet gunstig, om dragers te krijgen, daar de inboorlingen op hun velden moesten
+zijn. Daarom besloot ik tot den terugtocht. Het bevel daartoe gaf mijn mannen nieuwe kracht, zoodat we in razende vaart voort
+marcheerden. In een halven dag hadden we de helft van den terugweg afgelegd, en des avonds sloegen we ons kamp op aan den
+oever van de Jordaan, waar we ons in het koele rivierwater flink konden afspoelen. Hier was het in den frisschen wind beter
+kampeeren dan in de dorpen tusschen varkens en honden en kippen, samen met allerlei ongedierte.
+
+</p>
+<p>Het ging den volgenden dag langs de rivier door een onbewoonde streek, en in den laten namiddag lag de baai voor ons. Nu moest
+er nog een paar uren gemarcheerd over het strand, waarbij we rivieren moesten doorwaden, maar des avonds waren we bij den
+heer F. Na de afbetaling der dragers volgden een heerlijk bad en een goed maal.
+
+</p>
+<p>Wetenschappelijk had de reis niet veel opgeleverd, maar ik had de natuur en de leefwijze van de binnenlandsche stammen leeren
+kennen, en moest tot het bedroevend inzicht komen, dat wegens ziekte, gebrek aan vrouwen en weinig geboorten er niet veel
+jaren meer behoeven te verloopen, of de bevolking van Centraal Santos zal uitgestorven zijn.
+
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/o1917-400.gif" alt="Ornament." width="251" height="18"></div><p>
+
+
+</p>
+<div class="footnotes">
+<hr class="fnsep">
+<p class="footnote"><span class="label"><a id="d0e98" href="#d0e98src" class="noteref">1</a></span> Tekst en illustraties ontleend aan <span class="smallcaps">Felix Speiser</span>, S&uuml;dsee, Urwald, Kannibalen, Leipzig, R. Voigtl&auml;nder&#8217;s Verlag 1913.
+</p>
+</div>
+</div>
+</div>
+<div class="back">
+<div class="transcribernote">
+<h2>Colofon</h2>
+<h3>Beschikbaarheid</h3>
+<p>Dit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het
+kopi&euml;ren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie bij dit eBoek of on-line op <a href="http://www.gutenberg.org/">www.gutenberg.org</a>.
+
+</p>
+<p>Dit eBoek is geproduceerd door Jeroen Hellingman en het on-line gedistribueerd correctie team op <a href="http://www.pgdp.net/">www.pgdp.net</a>.
+
+</p>
+<p>Deze tekst is ontleend aan &#8220;De Aarde en haar volken,&#8221; jaargang 1917. Het <a href="http://www.gutenberg.org/etext/18023">vervolg</a>, verschenen in jaargang 1918, is ook beschikbaar in Project Gutenberg.
+
+</p>
+<p lang="en">This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give
+it away or re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at <a href="http://www.gutenberg.org/">www.gutenberg.org</a>.
+
+</p>
+<p lang="en">This eBook is produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed Proofreading Team at <a href="http://www.pgdp.net/">www.pgdp.net</a>.
+
+</p>
+<h3>Codering</h3>
+<p>Dit bestand is in een verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren. Afgebroken woorden aan het einde
+van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn gecorrigeerd. Dergelijke correcties zijn
+gemarkeerd met het corr-element.
+
+</p>
+<p>Hoewel in het origineel laag liggende aanhalingstekens openen gebruikt, zijn deze in dit bestand gecodeerd met &#8220;. Geneste
+dubbele aanhalingstekens zijn stilzwijgend veranderd in enkele aanhalingstekens.
+
+</p>
+<h3>Documentgeschiedenis</h3>
+<ol class="lsoff">
+<li>2008-02-18 begonnen.
+
+</li>
+</ol>
+<h3>Verbeteringen</h3>
+<p>De volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:</p>
+<table width="75%">
+<tr>
+<th>Plaats</th>
+<th>Bron</th>
+<th>Verbetering</th>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e148">Bladzijde 363</a></td>
+<td width="40%">amb-naren</td>
+<td width="40%">ambtenaren</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e212">Bladzijde 366</a></td>
+<td width="40%">daarbinden</td>
+<td width="40%">daarbinnen</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e283">Bladzijde 370</a></td>
+<td width="40%">Nn</td>
+<td width="40%">Nu</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e298">Bladzijde 370</a></td>
+<td width="40%">onder</td>
+<td width="40%">zonder</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e332">Bladzijde 372</a></td>
+<td width="40%">hen</td>
+<td width="40%">hem</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e470">Bladzijde 378</a></td>
+<td width="40%">bamboes-kammen</td>
+<td width="40%">bamboe-kammen</td>
+</tr>
+</table>
+</div>
+</div>
+
+
+
+
+
+
+
+<pre>
+
+
+
+
+
+End of the Project Gutenberg EBook of In het Oerwoud en bij de Kannibalen op
+de Nieuwe Hebriden (deel 1 van 2), by Felix Speiser
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK KANNIBALEN OP DE NIEUWE HEBRIDEN ***
+
+***** This file should be named 24649-h.htm or 24649-h.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/2/4/6/4/24649/
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
+
+
+</pre>
+
+</body>
+</html>
diff --git a/24649-h/images/id1917-361.gif b/24649-h/images/id1917-361.gif
new file mode 100644
index 0000000..16b4861
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/id1917-361.gif
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/is1917-385.gif b/24649-h/images/is1917-385.gif
new file mode 100644
index 0000000..78083b2
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/is1917-385.gif
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/o1917-384.gif b/24649-h/images/o1917-384.gif
new file mode 100644
index 0000000..0f86b44
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/o1917-384.gif
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/o1917-400.gif b/24649-h/images/o1917-400.gif
new file mode 100644
index 0000000..00292d5
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/o1917-400.gif
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-361.jpg b/24649-h/images/p1917-361.jpg
new file mode 100644
index 0000000..6932ea6
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-361.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-362.gif b/24649-h/images/p1917-362.gif
new file mode 100644
index 0000000..1e9b992
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-362.gif
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-363.gif b/24649-h/images/p1917-363.gif
new file mode 100644
index 0000000..9a0eea3
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-363.gif
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-364.jpg b/24649-h/images/p1917-364.jpg
new file mode 100644
index 0000000..4a4c021
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-364.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-365-1.jpg b/24649-h/images/p1917-365-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..b99801c
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-365-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-365-2.jpg b/24649-h/images/p1917-365-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..434c73b
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-365-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-367.jpg b/24649-h/images/p1917-367.jpg
new file mode 100644
index 0000000..6fc2c8e
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-367.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-368.jpg b/24649-h/images/p1917-368.jpg
new file mode 100644
index 0000000..adc3d4f
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-368.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-369.jpg b/24649-h/images/p1917-369.jpg
new file mode 100644
index 0000000..30c11f2
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-369.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-371-1.jpg b/24649-h/images/p1917-371-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..ceea097
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-371-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-371-2.jpg b/24649-h/images/p1917-371-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..cf2ed91
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-371-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-372-1.jpg b/24649-h/images/p1917-372-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..92459e7
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-372-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-372-2.jpg b/24649-h/images/p1917-372-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..4a69333
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-372-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-373.jpg b/24649-h/images/p1917-373.jpg
new file mode 100644
index 0000000..e21ad81
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-373.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-375.jpg b/24649-h/images/p1917-375.jpg
new file mode 100644
index 0000000..6632f45
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-375.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-376-1.jpg b/24649-h/images/p1917-376-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..a5ff605
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-376-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-376-2.jpg b/24649-h/images/p1917-376-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..dc199ea
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-376-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-377.jpg b/24649-h/images/p1917-377.jpg
new file mode 100644
index 0000000..eb35546
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-377.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-379.jpg b/24649-h/images/p1917-379.jpg
new file mode 100644
index 0000000..646f2b2
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-379.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-380-1.jpg b/24649-h/images/p1917-380-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..bdef545
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-380-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-380-2.jpg b/24649-h/images/p1917-380-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..aa1a186
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-380-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-381.jpg b/24649-h/images/p1917-381.jpg
new file mode 100644
index 0000000..72dc812
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-381.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-383.jpg b/24649-h/images/p1917-383.jpg
new file mode 100644
index 0000000..0d8d7d0
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-383.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-384.jpg b/24649-h/images/p1917-384.jpg
new file mode 100644
index 0000000..235948c
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-384.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-385.jpg b/24649-h/images/p1917-385.jpg
new file mode 100644
index 0000000..a6bf55c
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-385.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-386.jpg b/24649-h/images/p1917-386.jpg
new file mode 100644
index 0000000..7de8227
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-386.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-387.jpg b/24649-h/images/p1917-387.jpg
new file mode 100644
index 0000000..2c0dfbe
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-387.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-388.jpg b/24649-h/images/p1917-388.jpg
new file mode 100644
index 0000000..665276c
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-388.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-389-1.jpg b/24649-h/images/p1917-389-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..7a8df70
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-389-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-389-2.jpg b/24649-h/images/p1917-389-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..2f5b6b6
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-389-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-389-3.jpg b/24649-h/images/p1917-389-3.jpg
new file mode 100644
index 0000000..e6c4e57
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-389-3.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-389-4.jpg b/24649-h/images/p1917-389-4.jpg
new file mode 100644
index 0000000..4ef8d88
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-389-4.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-389-5.jpg b/24649-h/images/p1917-389-5.jpg
new file mode 100644
index 0000000..72166e1
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-389-5.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-392-1.jpg b/24649-h/images/p1917-392-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..74b8424
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-392-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-392-2.jpg b/24649-h/images/p1917-392-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..6d58b06
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-392-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-393-1.jpg b/24649-h/images/p1917-393-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..cef4451
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-393-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-393-2.jpg b/24649-h/images/p1917-393-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..3f7c1bf
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-393-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-393-3.jpg b/24649-h/images/p1917-393-3.jpg
new file mode 100644
index 0000000..10b85c1
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-393-3.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-395-1.jpg b/24649-h/images/p1917-395-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..715b4ff
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-395-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-395-2.jpg b/24649-h/images/p1917-395-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..24939b9
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-395-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-396.jpg b/24649-h/images/p1917-396.jpg
new file mode 100644
index 0000000..e5fae10
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-396.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-397-1.jpg b/24649-h/images/p1917-397-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..033fe39
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-397-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-397-2.jpg b/24649-h/images/p1917-397-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..d62fbf2
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-397-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-400-1.jpg b/24649-h/images/p1917-400-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..a5bc14c
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-400-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-h/images/p1917-400-2.jpg b/24649-h/images/p1917-400-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..6a43b3e
--- /dev/null
+++ b/24649-h/images/p1917-400-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p361a.png b/24649-page-images/p361a.png
new file mode 100644
index 0000000..59ba493
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p361a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p361b.png b/24649-page-images/p361b.png
new file mode 100644
index 0000000..37d5c57
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p361b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p361c.png b/24649-page-images/p361c.png
new file mode 100644
index 0000000..40c91bc
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p361c.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p362.png b/24649-page-images/p362.png
new file mode 100644
index 0000000..bf6bcb4
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p362.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p363.png b/24649-page-images/p363.png
new file mode 100644
index 0000000..50ebe17
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p363.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p364.png b/24649-page-images/p364.png
new file mode 100644
index 0000000..e76a303
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p364.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p365.png b/24649-page-images/p365.png
new file mode 100644
index 0000000..f558337
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p365.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p366a.png b/24649-page-images/p366a.png
new file mode 100644
index 0000000..13e7c18
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p366a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p366b.png b/24649-page-images/p366b.png
new file mode 100644
index 0000000..e93eea3
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p366b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p367.png b/24649-page-images/p367.png
new file mode 100644
index 0000000..a093d39
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p367.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p368.png b/24649-page-images/p368.png
new file mode 100644
index 0000000..e90fe6f
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p368.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p369a.png b/24649-page-images/p369a.png
new file mode 100644
index 0000000..41d4c83
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p369a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p369b.png b/24649-page-images/p369b.png
new file mode 100644
index 0000000..da983dd
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p369b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p369c.png b/24649-page-images/p369c.png
new file mode 100644
index 0000000..07ef93a
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p369c.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p370a.png b/24649-page-images/p370a.png
new file mode 100644
index 0000000..020b232
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p370a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p370b.png b/24649-page-images/p370b.png
new file mode 100644
index 0000000..1e8a09b
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p370b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p371.png b/24649-page-images/p371.png
new file mode 100644
index 0000000..885290e
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p371.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p372.png b/24649-page-images/p372.png
new file mode 100644
index 0000000..b213f90
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p372.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p373.png b/24649-page-images/p373.png
new file mode 100644
index 0000000..834e9f6
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p373.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p374a.png b/24649-page-images/p374a.png
new file mode 100644
index 0000000..c658478
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p374a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p374b.png b/24649-page-images/p374b.png
new file mode 100644
index 0000000..126b148
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p374b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p375.png b/24649-page-images/p375.png
new file mode 100644
index 0000000..ed9d380
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p375.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p376.png b/24649-page-images/p376.png
new file mode 100644
index 0000000..10ba3c4
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p376.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p377a.png b/24649-page-images/p377a.png
new file mode 100644
index 0000000..44fbcad
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p377a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p377b.png b/24649-page-images/p377b.png
new file mode 100644
index 0000000..b036e27
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p377b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p377c.png b/24649-page-images/p377c.png
new file mode 100644
index 0000000..36cd776
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p377c.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p378a.png b/24649-page-images/p378a.png
new file mode 100644
index 0000000..fbde268
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p378a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p378b.png b/24649-page-images/p378b.png
new file mode 100644
index 0000000..c0d0b17
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p378b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p379.png b/24649-page-images/p379.png
new file mode 100644
index 0000000..71005e3
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p379.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p380.png b/24649-page-images/p380.png
new file mode 100644
index 0000000..79985e5
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p380.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p381.png b/24649-page-images/p381.png
new file mode 100644
index 0000000..f49c82a
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p381.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p382a.png b/24649-page-images/p382a.png
new file mode 100644
index 0000000..4fa8852
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p382a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p382b.png b/24649-page-images/p382b.png
new file mode 100644
index 0000000..09ffd9b
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p382b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p383.png b/24649-page-images/p383.png
new file mode 100644
index 0000000..12f13c9
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p383.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p384.png b/24649-page-images/p384.png
new file mode 100644
index 0000000..90b6196
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p384.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p385a.png b/24649-page-images/p385a.png
new file mode 100644
index 0000000..a6c27cb
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p385a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p385b.png b/24649-page-images/p385b.png
new file mode 100644
index 0000000..34f06b0
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p385b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p385c.png b/24649-page-images/p385c.png
new file mode 100644
index 0000000..8bb947a
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p385c.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p386.png b/24649-page-images/p386.png
new file mode 100644
index 0000000..25d3b35
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p386.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p387.png b/24649-page-images/p387.png
new file mode 100644
index 0000000..0b10ab5
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p387.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p388.png b/24649-page-images/p388.png
new file mode 100644
index 0000000..9fd0a1a
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p388.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p389.png b/24649-page-images/p389.png
new file mode 100644
index 0000000..d8b9ec8
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p389.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p390a.png b/24649-page-images/p390a.png
new file mode 100644
index 0000000..e3d0283
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p390a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p390b.png b/24649-page-images/p390b.png
new file mode 100644
index 0000000..ce6872a
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p390b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p391a.png b/24649-page-images/p391a.png
new file mode 100644
index 0000000..d9daf59
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p391a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p391b.png b/24649-page-images/p391b.png
new file mode 100644
index 0000000..ec7b32c
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p391b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p392.png b/24649-page-images/p392.png
new file mode 100644
index 0000000..825ea47
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p392.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p393a.png b/24649-page-images/p393a.png
new file mode 100644
index 0000000..61f7e12
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p393a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p393b.png b/24649-page-images/p393b.png
new file mode 100644
index 0000000..20d2285
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p393b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p393c.png b/24649-page-images/p393c.png
new file mode 100644
index 0000000..edf963c
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p393c.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p393d.png b/24649-page-images/p393d.png
new file mode 100644
index 0000000..e263374
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p393d.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p393e.png b/24649-page-images/p393e.png
new file mode 100644
index 0000000..72d6781
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p393e.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p394a.png b/24649-page-images/p394a.png
new file mode 100644
index 0000000..4f59d3e
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p394a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p394b.png b/24649-page-images/p394b.png
new file mode 100644
index 0000000..0616f4f
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p394b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p395.png b/24649-page-images/p395.png
new file mode 100644
index 0000000..b308389
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p395.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p396.png b/24649-page-images/p396.png
new file mode 100644
index 0000000..0ca3add
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p396.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p397a.png b/24649-page-images/p397a.png
new file mode 100644
index 0000000..e0b2b0a
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p397a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p397b.png b/24649-page-images/p397b.png
new file mode 100644
index 0000000..009506a
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p397b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p398a.png b/24649-page-images/p398a.png
new file mode 100644
index 0000000..178da7f
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p398a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p398b.png b/24649-page-images/p398b.png
new file mode 100644
index 0000000..f3739a1
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p398b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p399a.png b/24649-page-images/p399a.png
new file mode 100644
index 0000000..02a5168
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p399a.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p399b.png b/24649-page-images/p399b.png
new file mode 100644
index 0000000..2d4e450
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p399b.png
Binary files differ
diff --git a/24649-page-images/p400.png b/24649-page-images/p400.png
new file mode 100644
index 0000000..8c42057
--- /dev/null
+++ b/24649-page-images/p400.png
Binary files differ
diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt
new file mode 100644
index 0000000..6312041
--- /dev/null
+++ b/LICENSE.txt
@@ -0,0 +1,11 @@
+This eBook, including all associated images, markup, improvements,
+metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be
+in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES.
+
+Procedures for determining public domain status are described in
+the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org.
+
+No investigation has been made concerning possible copyrights in
+jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize
+this eBook outside of the United States should confirm copyright
+status under the laws that apply to them.
diff --git a/README.md b/README.md
new file mode 100644
index 0000000..b0a7d31
--- /dev/null
+++ b/README.md
@@ -0,0 +1,2 @@
+Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for
+eBook #24649 (https://www.gutenberg.org/ebooks/24649)