summaryrefslogtreecommitdiff
path: root/old/67868-0.txt
diff options
context:
space:
mode:
Diffstat (limited to 'old/67868-0.txt')
-rw-r--r--old/67868-0.txt3028
1 files changed, 0 insertions, 3028 deletions
diff --git a/old/67868-0.txt b/old/67868-0.txt
deleted file mode 100644
index 6d9c3dc..0000000
--- a/old/67868-0.txt
+++ /dev/null
@@ -1,3028 +0,0 @@
-The Project Gutenberg eBook of Lord Lister No. 0390: Eleonore
-Manoury, by Kurt Matull
-
-This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and
-most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions
-whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms
-of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at
-www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you
-will have to check the laws of the country where you are located before
-using this eBook.
-
-Title: Lord Lister No. 0390: Eleonore Manoury
-
-Authors: Kurt Matull
- Theo Bakensee
- Felix Hageman
-
-Release Date: April 18, 2022 [eBook #67868]
-
-Language: Dutch
-
-Produced by: The Online Distributed Proofreading Team at
- https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg.
-
-*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 0390:
-ELEONORE MANOURY ***
-
-
-
-
- LORD LISTER
- GENAAMD RAFFLES
- DE GROOTE ONBEKENDE.
-
- NO. 390 ELEONORE MANOURY.
-
-
-
-
-
-
-
-
-ELEONORE MANOURY.
-
-
-EEN SLACHTOFFER VAN DEN MEESTER.
-
-
-Het was omstreeks negen uur in den morgen van een schoonen winterdag,
-in het begin van Februari, toen de reizigers, die zich op het dek
-bevonden van een der fraaie stoombooten eener Fransche Maatschappij, de
-„Société Maritime”, die onder meer den dienst van Marseille op Tunis
-onderhoudt, elkander wezen op een klein punt aan den hemel, dat zich
-zeer snel scheen te verplaatsen.
-
-Er viel bijna niet aan te twijfelen, of men had hier te doen met een
-vliegmachine, maar eene, die zich op zeer groote hoogte, en met
-duizelingwekkende snelheid voortbewoog.
-
-Zelfs met den besten kijker was het onmogelijk de onderdeelen van de
-machine zoo dichtbij te halen, dat men ze kon onderscheiden, en omtrent
-den landaard van de vliegmachine verkeerde men dus in het onzekere.
-
-En slechts enkele minuten, nadat men voor het eerst het vliegtoestel
-had opgemerkt, viel er reeds niets meer van te bespeuren, en had het
-zich in Zuidelijke richting verwijderd.
-
-De vliegmachine, die zich daar op een hoogte van omstreeks vijf duizend
-meter voortbewoog met een snelheid, die iets meer dan vijf honderd
-kilometers per uur bedroeg, dat wil zeggen ruim twee honderd kilometer
-meer dan volgens de algemeene bekendheid de snelste Fransche machine
-ooit had behaald, was van Engelschen oorsprong, en zij droeg op het
-oogenblik drie mannen.
-
-Het vliegtuig was sierlijk gebouwd, niet groot, had slechts een
-vleugeldek, en was naar het scheen geheel van aluminium vervaardigd, te
-oordeelen naar den zwakken glans, als van dof zilver, die van het
-vreemde toestel afstraalde.
-
-Het geleek nog het meest op een reusachtige libel, waarvan het
-langgerekte lichaam gevormd werd door een buis van aluminium, waaraan
-alle overige deelen waren bevestigd,—de draagvlakken, het roer, de
-stabiliseeringsvlakken en ook een soort kajuit, die tevens den motor
-bevatte, welke een vierbladige schroef met razende snelheid deed
-rondwentelen.
-
-De drie mannen, die zich in deze kajuit bevonden, voor de helft
-overdekt door een dak van micaplaten, dat naar behoefte voor- en
-achteruit kon worden geschoven, juist als dit het geval is met de
-koekoek aan boord van een schip, waren John Raffles, zijn
-onafscheidelijke vriend Charly Brand en zijn trouwe chauffeur en
-deelgenoot aan menig gevaarlijk avontuur, James Henderson.
-
-„De duivel der lucht,” zooals Raffles zijn vliegmachine gedoopt had,
-die aan zijn eigen uitvindersgenie het ontstaan te danken had, was
-dienzelfden morgen om kwart voor negen op het vliegveld van Hendon
-opgestegen, en in vijf kwartier was hij dwars over Frankrijk en over
-een gedeelte van de Middellandsche zee gevlogen.
-
-John Raffles zelf zat aan het stuurwiel, nu en dan een blik werpend op
-het bord voor zich, waarop een snelheidsmeter, een hoogtemeter, een
-horloge, een barometer, en nog verschillende andere voorwerpen
-bevestigd waren, die hem moesten helpen, ten alle tijde te kunnen
-bepalen, op welke hoogte hij zich bevond, en met welke snelheid hij
-voortging.
-
-Naast hem, een weinig meer naar voren, was Charly Brand gezeten, van
-wien op dit oogenblik weinig meer te zien viel dan het puntje van zijn
-neus, zoo goed had hij zich ingestopt.
-
-Want ofschoon men zich snel zuidwaarts begaf, en beneden op aarde de
-temperatuur zeer veel hooger zou zijn dan in Westelijk Europa, merkte
-men daar op deze hoogte ver boven de sneeuwgrens al heel weinig van.
-
-Het was hier fel koud, en op zijn minst achttien graden onder nul.
-
-Charly Brand was bezig, voor iets warms te zorgen, zooals men dat
-noemt.
-
-Dit lijkt op het eerste gehoor wellicht een weinig vreemd, en toch was
-het volstrekt niets bijzonders—de „Duivel der lucht” werd namelijk
-langs electrischen weg voortbewogen, en deze electriciteit moest tevens
-de warmte verleenen aan een kleinen oven, waarop men binnen enkele
-minuten water kon koken, waarin brood kon worden geroosterd—kortom, met
-behulp waarvan men een zeer smakelijken maaltijd kon bereiden.
-
-De keuze van den jongen man was op een kop heete chocolade gevallen,
-met een paar sneden geroosterd brood, en hij verrichtte de bezigheden,
-die tot verkrijging van een en ander noodig waren, even rustig en
-handig alsof hij zich op den beganen grond bevond.
-
-Deze chocolade werd gebruikt op ongeveer twintig mijlen ten Oosten van
-Sicilië, en toen men de koppen geledigd had, was men al weer heel wat
-verder, en kreeg Henderson door den kijker reeds het eiland Kreta in
-het oog.
-
-Van dat oogenblik af liet Raffles de machine zuidelijker aanhouden, en
-tevens verminderde hij de hoogte aanzienlijk, terwijl ook de vaart
-eenigszins vertraagd werd—de Gentleman-Inbreker stond er volstrekt niet
-op, dat men, wanneer het niet noodzakelijk was, de verbazende snelheid
-ontdekte, welke zijn vliegmachine bereiken kon, al wist hij heel goed,
-dat juist eenige zeer te vreezen vijanden daarvan maar al te goed op de
-hoogte waren.
-
-Het was omstreeks elf uur, toen de kust van Afrika in het gezicht kwam,
-ter hoogte van Alexandria, en een oogenblik later kwamen de schoone
-Nijldelta’s in het gezichtsveld van den kijker.
-
-Een oogenblik kon men meenen, dat de vliegmachine bij Alexandria zou
-dalen maar Raffles had slechts de hoogte een weinig verminderd, en
-bleef nu koers zetten in zuidelijke richting.
-
-Hij volgde gedurende eenigen tijd een der voornaamste zeearmen van den
-Nijl, vloog over Tanta, op een hoogte van ongeveer twee duizend meter,
-en nog geen zeven minuten later, nadat hij de snelheid weer had
-opgevoerd, kwam Caïro in het gezicht—aanvankelijk slechts te zien als
-een schitterende witte vlek, te midden van het groen—want op deze
-gezegende plek van den aardbodem was het op dit oogenblik reeds volop
-zomer.
-
-De „Duivel der lucht” begon nu in groote, sierlijke spiralen te dalen
-en bij elke zwenking omlaag werd de witte vlek grooter, maar tevens
-moeilijker te overzien, de reizigers begonnen spoedig de verschillende
-huizen van elkander te onderscheiden, om ze daarna geheel uit het oog
-te verliezen, want Raffles had de vliegmachine doen dalen op het
-daarvoor aangewezen landingsterrein, dat slechts weinige weken te voren
-was ingericht en in gebruik genomen.
-
-Onmiddellijk kwamen uit het bureau de douane-beambten toeschieten,
-teneinde hun taak te gaan vervullen.
-
-Maar Raffles was een man, die letterlijk alles scheen te hebben
-voorzien.
-
-Hij reisde op dit oogenblik als Lord William Aberdeen, en onder dien
-naam stond de vliegmachine ook ingeschreven, die naam stond ook op de
-pas welke hij moest toonen.
-
-De douane-beambten klommen aan boord van het vliegtuig, teneinde te
-speuren naar verboden invoerartikelen, of waarvan een hoog recht
-geheven werd, maar dit was een bloote formaliteit—de naam van den
-bekenden Londenschen philantroop scheen zelfs tot hier te zijn
-doorgedrongen.
-
-Dat een van de beambten het geheim van den electrischen motor zou
-ontdekken, behoefde Raffles niet te vreezen, want zelfs voor een
-deskundige zou dit zoo goed als onmogelijk zijn geweest—het
-machinegedeelte, waar het op aan kwam, was geheel omsloten door een
-stevige aluminiumkast, teneinde het tegen onbescheiden blikken te
-beveiligen.
-
-Nadat aan alle formaliteiten voldaan was, werd de vliegmachine naar een
-van de loodsen gerold, en daar gestald, als men het zoo mag uitdrukken.
-
-De deuren werden gesloten, en aan Raffles werd de sleutel ter hand
-gesteld.
-
-Toen pas verlieten de drie mannen, nadat zij hun zware pelsen hadden
-afgedaan, die hun thans als lood wogen, het landingsterrein, hetwelk
-was gelegen aan het einde van het tramlijntje, waarover electrische
-wagens reden, ongeveer ieder kwartier een.
-
-De streek was hier weinig bebouwd, en slechts hier en daar verhieven
-zich villa’s en „bungalows” van rijke Engelsche fabrikanten en Indiërs.
-
-Dicht bij den uitgang van het landingsterrein bevond zich een eenvoudig
-wijnhuis, en Raffles stelde voor, daar rustig te wachten op de komst
-van een tram, welke hen naar de stad zou voeren, die zij in de verte
-zagen liggen.
-
-Het duurde niet lang of de drie mannen hadden ieder een glas landwijn
-voor zich, en nu begon Charly na een blik om zich heen te hebben
-geworpen op gedempten toon:
-
-„Geloof je nu, Raffles, dat je beschermelinge Eleonore Manoury
-eindelijk veilig zou zijn?”
-
-„Ik kan met den besten wil niet inzien, Charly, waarvoor zij hier in
-Caïro nog te vreezen zou kunnen hebben. Haar voormalige minnaar, Irwin
-Stanley, de aanvoerder van het Genootschap van den Gouden Sleutel, kan
-haar spoor onmogelijk gevolgd hebben.”
-
-Raffles zweeg even om een sigaret aan te steken, en vervolgde toen:
-
-„De jonge vrouw, die ik gelukkig uit zijn klauwen heb kunnen redden,
-zal nu wel inzooverre genezen zijn, dat ik haar zonder eenig gevaar kan
-vervoeren, naar welke stad zij ook verkiest. Maar stil—ik geloof dat
-daar reeds onze tram aan komt—het wordt tijd, vrienden!”
-
-Hij betaalde, en de drie vrienden begaven zich naar het popperig kleine
-tramwagentje, dat niet meer dan twintig passagiers kon bevatten, en dat
-bestuurd werd door een inlander, in een witte uniform met vergulde
-knoopen, een tulband op, en bloote voeten.
-
-Het voertuig bracht hen binnen twintig minuten tot op het voornaamste
-plein van de stad, niet ver verwijderd van het beroemde Hotel des
-Anglais, waar bijna alle toeristen pleegden samen te komen, en dat als
-het ware het brandpunt is van het Westersch verkeer in deze schoone
-stad.
-
-Het groote terras was tot het laatste toe bezet met toeristen,
-voornamelijk Engelschen en Amerikanen, die genoten van het bonte
-schouwspel dat zich aan hun blikken bood.
-
-Inlandsche kooplieden van verschillende stammen, Soedaneezen,
-Arabieren, Kabijlen, Nubiërs, maar ook bewoners uit Perzië,
-Beloedsjistan, den beneden Nijl en nog verder, die met een karavaan
-naar de belangrijkste stad van dit gedeelte van Afrika waren gekomen,
-verdrongen zich op het breede plein, zoo dicht mogelijk in de buurt der
-balustrade, welke het terras afsloot, en zelfs op de treden van de
-marmeren trap, die daarheen voert, teneinde hun waren aan den man te
-brengen. Prachtig gedreven koperwerk, shawls, met gouddraad doorstikt,
-zijden stoffen, ivoren beeldjes, prachtige wapens, eigenaardige
-staaltjes van pottenbakkerskunst en voorts bananen, druiven, zeer zoete
-peren, dadels en vijgen.
-
-Raffles en zijn beide tochtgenooten, die hier reeds meermalen geweest
-waren, keken eenige oogenblikken naar het steeds aantrekkelijk
-schouwspel, en richtten vervolgens hun schreden naar een breede laan,
-aan weerszijden met een dubbele rij platanen begroeid, waaraan, telkens
-gescheiden door een open ruimte, verscheidene groote, voor het
-meerendeels schitterend wit gepleisterde, of uit witte steen
-opgetrokken gebouwen lagen.
-
-Daar vond men onder andere de officiëele woning van den Khedive of
-Onderkoning, het parlementsgebouw, het Paleis van Justitie, het
-Sanatorium, een aantal groote koffiehuizen en ook een pasgebouwd, fraai
-ziekenhuis.
-
-Dit is de boulevard Mehemet-Ali, die in het jaar 1889 werd aangelegd,
-twee kilometer lang is, en verderop ook voert door den doolhof van
-nauwe slopjes en stegen der Arabiersche buurt.
-
-Raffles bleef hier een oogenblik staan, en zeide toen tot Charly Brand:
-
-„Het is geloof ik het beste, als ik maar alleen naar binnen ga, het is
-niet noodig, dat men ons zooveel samen ziet. Over een half uur denk ik
-weer terug te zijn. Daarginds schijnt mij een goed koffiehuis te
-zijn—daar kun je op mij wachten!”
-
-En met deze woorden verwijderde Raffles zich, en ging het hek door,
-hetwelk het ziekenhuis omsloot.
-
-De breede deuren stonden open en hij kon binnen gaan, zonder eerst te
-moeten aanbellen.
-
-Aanstonds trad hem een verpleegster tegemoet, die hem dadelijk scheen
-te herkennen, want zij vroeg glimlachend:
-
-„Gij komt zeker eens omzien naar de dame, die gij een week geleden hier
-hebt gebracht, mijnheer Brown?”
-
-„Zoo is het, zuster! Ik hoop dat zij het goed maakt?”
-
-„Zij gaat met reuzeschreden vooruit, mijnheer! Zij praat vaak over
-u—zij schijnt u zeer dankbaar te zijn!”
-
-Raffles mompelde iets dat onverstaanbaar was, en hernam toen luid:
-
-„Zou ik haar op het oogenblik kunnen zien?”
-
-„Het officiëele bezoekuur is eigenlijk nog niet aangebroken, mijnheer
-Brown, maar ik weet dat de directeur voor u een uitzondering zal maken,
-omdat gij heelemaal uit Londen zijt gekomen! Wees zoo goed mij even te
-volgen.”
-
-De verpleegster ging Raffles voor over de prachtige marmeren trap naar
-een breede gang op de eerste verdieping, waaraan de kamers voor de
-afzonderlijk verpleegde patiënten gelegen waren.
-
-Zij opende voorzichtig een deur, keek om het hoekje, wendde zich naar
-Raffles om, en zeide glimlachend:
-
-„Uw beschermelinge is wakker, mijnheer Brown—gij kunt binnentreden!”
-
-Raffles trad de ziekenkamer binnen, helder verlicht door de
-zonnestralen, die door het breede raam naar binnen drongen, en zachtjes
-deed de verpleegster de deur weder dicht.
-
-In het breede witte bed, dat juist tegenover het raam stond, lag een
-jonge vrouw, die zich bij het binnentreden van den bezoeker op een
-elleboog had opgericht, en met een gebaar van groote vreugde de hand
-naar hem uitstak, terwijl er een blos opsteeg in haar wangen.
-
-„Hoe heerlijk, dat gij gekomen zijt, Raffles!” fluisterde zij zachtjes.
-
-„Gij zult mij nu spoedig weder meenemen, nietwaar? Ik gevoel mij hier
-zoo eenzaam en ik ben bevreesd!”
-
-Raffles had een stoel genomen, en voor het bed geschoven, maar nu keek
-hij de jonge vrouw verwonderd aan, en herhaalde:
-
-„Bevreesd? Waarom zoudt gij bevreesd zijn? Gij hebt hier immers niets
-te duchten? Ik heb u onder een anderen naam laten opnemen—niemand kan
-weten dat gij hier zijt, en die schurk van een Stanley kan uw spoor
-onmogelijk hebben teruggevonden!”
-
-„Toch ben ik bang!” hernam Eleonore Manoury met een schuwen blik naar
-het raam. „Gisterennacht is er iets gebeurd—iets wat mij groote vrees
-heeft aangejaagd! Ik kon den slaap niet vatten—ik dacht ergens over
-na—iets wat mij niet uit den zin wilde—en eensklaps zag ik schaduwen
-bewegen aan de buitenzijde van het raam—de maan scheen op het lancaster
-rolgordijn, en ik kon ze duidelijk zien!”
-
-„Gij zult het u verbeeld hebben! Of het kunnen de toppen geweest zijn
-van de palmboomen, die in den tuin staan!”
-
-„Neen—neen—het waren de boomen niet!” hernam de jonge vrouw opgewonden.
-„Het was de gestalte van een man!”
-
-Raffles schudde het hoofd, en kwam:
-
-„Ik kan mij volstrekt niet voorstellen, hoe zooiets mogelijk zou zijn!
-Wat hebt gij gedaan toen gij het zaagt?”
-
-„Ik wilde om hulp roepen, maar ik vreesde wel wat, mij belachelijk te
-maken, en ik durfde toch ook niet te gaan zien wat het was. Ik
-verbeeldde mij dat ik een krassend geluid hoorde aan het raam, en toen
-wilde ik juist een gil slaken—maar op hetzelfde oogenblik verdween de
-schaduw snel, ik hoorde beneden in den tuin het grint kraken onder
-voetstappen, die zich snel verwijderden—en toen was alles voorbij!”
-
-Zonder te antwoordden stond Raffles op, trad op het venster toe, trok
-het rolgordijn hoog op en sloeg de beide helften van het raam open.
-
-Hij bukte zich voorover, en onderzocht zeer nauwkeurig de vensterbank.
-
-Daarna bekeek hij de deurramen aan den buitenkant—en toen hij het
-venster langzaam sloot en naar het bed terugkeerde, had zijn gelaat een
-ernstige uitdrukking.
-
-„Ik zal zoo spoedig mogelijk u hier komen weghalen!” zeide hij. „Ik
-geloof inderdaad dat het beter zal zijn!”
-
-„Gij geeft dus toe dat ik het mij niet verbeeld heb?” riep Eleonore
-Manoury uit.
-
-„Ik geloof inderdaad, dat vannacht iemand aan den buitenkant van het
-raam gemorreld heeft, en waarschijnlijk de vlucht heeft genomen op het
-een of ander verdacht geluid!”
-
-„Ik wist het wel!” hernam Eleonore Manoury, terwijl zij zich achterover
-in de kussens liet vallen. „Nooit zal ik voor dien ellendeling meer
-veilig zijn—nooit en nergens!”
-
-
-
-
-
-
-
-
-VEILIGHEIDSMAATREGELEN.
-
-
-Een oogenblik bleef het stil in het vertrek.
-
-Raffles scheen in diepe gedachten verzonken te zijn.
-
-Toen hernam hij:
-
-„Kunt gij u zelf niet voorstellen, hoe het mogelijk is, dat men uw
-spoor heeft hervonden, ofschoon ik u acht dagen geleden met mijn
-vliegmachine hierheen gebracht heb, en terwijl het volstrekt onmogelijk
-is, dat men ons op dien tocht door het luchtruim gevolgd is?”
-
-In plaats onmiddellijk te antwoorden begroef de jonge vrouw het gelaat
-in de kussens, en barstte in snikken uit.
-
-Haar geheel verleden van de laatste maanden ging aan haar geest
-voorbij.
-
-Met wanhoop in het hart herdacht zij het oogenblik, waarop zij in de
-macht raakte van Irwin Stanley, die juist gekozen was tot
-aanvoerder,—Meester was zijn titel—van een machtige
-misdadigersorganisatie.
-
-Deze bond, waarbij een groot aantal der voornaamste misdadigersbenden
-van het Europeesche vasteland en van de Nieuwe Wereld waren
-aangesloten, benevens eenige zeer gevaarlijke benden in Engelsch-Indië,
-o.a. die van de vreeselijke Thugs of Worgers, heette het „Genootschap
-van den Gouden Sleutel”, en de man die er van aan het hoofd stond, was
-met bijna onbeperkte macht over de leden van deze organisatie bekleed.
-
-Alleen in gevallen van verraad sprak een raad van zeven leden, de
-zoogenaamde Bloedraad, recht, maar dat sloot voor den Meester volstrekt
-niet de bevoegdheid uit, om, waar en wanneer het hem goed dacht, een
-persoonlijke vete te te beslechten.
-
-Irwin Stanley, die in het dagelijksche leven de rol speelde van een
-eerwaardig zaakwaarnemer, was reeds lang in het geheim een lid van het
-Genootschap geweest—en hij was er gevreesd en bewonderd om zijn
-sluwheid, zijn stoutmoedigheid, en zijn volkomen gemis aan alles wat op
-een geweten geleek.
-
-Hij had reeds twee moorden op zijn geweten, en toen de derde Meester
-van het Genootschap, Dr. Fox, door toedoen van John Raffles, die ook de
-beide vorigen had weten te verdelgen, het leven had gelaten, koos de
-Algemeene Vergadering van afgevaardigden hem met bijna algemeene
-stemmen tot zijn opvolger.
-
-Eleonore Manoury was ter kwader ure de minnares van dezen man geworden,
-nog onkundig wat hij bedreven had—en daar zij zelve eenigen tijd
-geleden in staat van zelfverdediging een mensch had gedood, maakte de
-schurk hiervan misbruik, door haar met aangifte bij de politie te
-bedreigen, wanneer zij niet volgens zijn bevelen handelde.
-
-De jonge, schoone vrouw had vervolgens deel genomen aan eenige
-gevaarvolle ondernemingen der bende, voornamelijk inbraken—en zij wist
-dat zij ijverig door de politie werd gezocht!
-
-Toen kwam het tijdstip in haar leven, dat er een algeheele ommekeer in
-zou brengen.
-
-Raffles scheen op het spoor te zijn gekomen van Irwin Stanley, toen
-deze nog nauwelijks eenige maanden aan het hoofd van het Genootschap
-stond, en bijna onmiddellijk was er een felle strijd tusschen de beide
-mannen ontstaan.
-
-Bij hun tweede treffen, in het huis van Irwin Stanley, een oud en groot
-gebouw in de Kappel Street te Londen, was Eleonore Manoury, die door de
-woordenwisseling in het oudste gedeelte van het huis, waar zij
-opgesloten werd gehouden, onzichtbaar voor de wereld, gewekt, Raffles
-ter hulp gesneld, juist toen zijn doodsvijand op het punt had gestaan,
-Raffles door een even verraderlijken als moorddadigen steek te dooden.
-
-Maar de schurk zon op wraak, en juist toen Raffles met de vrouw, die
-zijn leven gered had, het huis wilde verlaten, dat hem bijna noodlottig
-was geworden, kwam de booswicht weder opdagen, en trof de ongelukkige
-vrouw van uit een hinderlaag met een revolverschot in de borst.
-
-En nog zou de zaak wellicht tragisch voor Raffles zijn afgeloopen,
-wanneer Henderson niet als hulp was komen opdagen, die Stanley een
-zwaren stoel naar het hoofd wierp, juist toen deze voor den tweeden
-keer, thans op Raffles wilde vuren.
-
-De Gentleman-Inbreker en de vrouw, die voortaan zijn bescherming zou
-genieten, waren gered—maar Stanley was op het laatste oogenblik
-spoorloos verdwenen.
-
-Zijn huis bleek nog meer geheimen te bezitten, dan Raffles wel verwacht
-had.
-
-Eleonore liet vervolgens snel alles aan haar geest voorbij gaan, wat er
-sindsdien was geschied—de overbrenging naar een eenzaam gelegen
-landhuis, dicht bij Londen, haar ontdekking daar, door den speurhond
-van een der leden van de bende, de nachtelijke overval van drie
-bandieten, op bevel van Stanley, en met het doel deze lastige getuige
-en medeweetster van zijn geheim te dooden, maar die door Raffles en
-zijn vriend verijdeld werd, haar overbrenging naar Londen, en naar het
-huis van een zekeren Brown, onder welken naam Raffles een klein huis in
-de Victoria Street bezat, en ten slotte de vernieuwde poging van
-Stanley, om de gewonde vrouw daar van het leven te berooven, nadat de
-speurhond ten tweede male haar spoor had teruggevonden, de vlucht door
-de onderaardsche tunnel, en ten slotte haar overbrenging met de
-vliegmachine van John Raffles naar Caïro, waar hij haar onder een
-valschen naam had laten opnemen in het beste ziekenhuis, hetwelk deze
-stad met zijn zeven honderd duizend inwoners rijk was.
-
-Dit alles was vliegensvlug, als ware het een snel voorbijglijdende film
-aan haar herinneringen voorbij gegaan—en zij vergat ook het gevoel van
-warme vriendschap niet, dat haar voor John Raffles was gaan bezielen,
-en dat op het punt stond, alle andere gevoelens in haar ter zijde te
-dringen.
-
-En nu pas viel het haar ook in, dat zij nog niet geantwoord had op de
-vraag van den Grooten Onbekende.
-
-Zij wenkte hem, om dicht bij het bed te komen, en zeide op gedempten
-toon als vreesde zij dat andere ooren het zouden kunnen hooren:
-
-„Ik vrees u een teleurstelling te moeten bereiden, Raffles—maar ik
-geloof dat iedere andere stad dan juist Caïro voor mij veiliger zou
-zijn geweest.”
-
-„Waarom?”
-
-„Ik heb hier eenige maanden achtereen met Stanley geleefd, en in dien
-tijd kregen wij herhaaldelijk bezoek van leden der bende, waaraan ik nu
-niet zonder walging en afschuw kan terugdenken. Er waren blanken en
-inlanders onder.”
-
-„Welnu?”
-
-„Zij allen kenden mij heel goed—en ik voor mij ben er zeker van, dat
-Stanley onmiddellijk, nadat gij mij uit zijn huis hadt weggevoerd, naar
-alle plaatsen, waar het Genootschap van den Gouden Sleutel gehoorzaamd
-en gevreesd wordt, het telegrafische en in geheime taal gestelde bevel
-gezonden heeft, om naar mij uit te zien—want hij kende zeer goed de
-middelen, die u ten dienste staan: Wij hebben er herhaaldelijk over
-gesproken, en hij werd altijd half dol van woede en drift, als hij
-bedacht, dat de macht van een enkel man zoo aanzienlijk veel grooter
-bleek te zijn, dan die van een geheele uitstekend georganiseerde bende!
-Stanley weet dat gij een uiterst snelle vliegmachine bezit, dat gij een
-duikboot van uw eigen vinding hebt vervaardigd, veel sneller dan eenig
-tot dusverre bekend vaartuig van dien aard, hij weet dat gij op
-verschillende punten van den aardbodem aanzienlijke schatten verborgen
-hebt, en ten slotte is het hem bekend, dat gij u weet te vermommen op
-een wijze, waarbij vergeleken de verkleedpartijen van de detectives van
-Scotland Yard erbarmelijk knoeiwerk is!”
-
-„Dus gij vreest....”
-
-„Ik moet wel vreezen, dat men mij hier herkend heeft!”
-
-„Maar hoe is dat mogelijk?” hernam Raffles. „Wij zijn in ieder geval
-voor het aanbreken van den dag geland, niet ver van den straatweg van
-Alexandria naar Caïro, en wij hebben u aanstonds met een daartoe
-ontboden automobiel naar het ziekenhuis laten vervoeren. Hoe is het dan
-denkbaar, dat men u gezien zou hebben?”
-
-„Dat kan ook niet, tenminste niet gedurende den rit—maar het noodlot
-volgt soms grillige plannen—het is immers wel mogelijk, dat er in het
-ziekenhuis een verpleegster was, die tot de bende behoorde, en die mij
-herkend heeft—gij moet weten, dat men mij reeds een paar malen, toen
-het heerlijk weer was, in een ziekenstoel naar den grooten tuin heeft
-gereden, die zich achter het ziekenhuis uitstrekt, en waar zich
-honderden andere verpleegden ophielden, die aan de beterende hand
-waren, zooals ik!”
-
-Het gelaat van Raffles had een ernstige uitdrukking aangenomen.
-
-„Dat is leelijker!” zeide hij zachtjes. „Dan is het natuurlijk
-volstrekt niet uitgesloten, dat het toeval hier de hand in het spel
-heeft gehad, en dat hier een van die kerels, die u vroeger gekend
-hebben, verpleegd werd!”
-
-Hij zweeg even, en vervolgde toen, met gebogen hoofd:
-
-„Ik moet u mijn verontschuldiging aanbieden, Madame! Naar het schijnt
-breng ik u louter ongeluk aan, en wien zou dat ook verwonderen? Om
-mijnentwille zijt gij zwaar gewond, en weer om mijnentwille heb ik u
-dagen achtereen, in den toestand waarin gij u bevindt, zware
-vermoeienissen laten doorstaan.”
-
-„Maar dat was toch om mij te redden!” riep de jonge vrouw uit, terwijl
-zij de hand van den Gentleman-Inbreker greep.
-
-„Een zonderlinge wijze van redden!” riep Raffles op schamperen toon.
-„Ik breng u steeds in nieuwe verlegenheden, en in nieuw gevaar, dat is
-de zaak!”
-
-„Zeg dat toch niet!” hernam Eleonore Manoury op smeekenden toon. „Gij
-doet mij pijn! Gij hebt u in de laatste dagen om mijnentwege
-herhaaldelijk in levensgevaar gesteld! Reeds zijn eenige van uw
-kostbare geheimen bij Stanley bekend, en dat alleen door mijn schuld!
-Wanneer ik er niet geweest was, zou die ellendige hond de schurken niet
-op het spoor hebben gebracht. En gij kondet toch niet weten dat juist
-in Caïro mijn noodlot mij zou achterhalen?”
-
-„Oho, Madame zoover zijn wij nog lang niet!” viel Raffles haar in de
-rede. „Zeg mij eens, voelt gij u in staat spoedig dit ziekenhuis te
-verlaten?”
-
-„Als het moest, zou ik desnoods over eenige uren kunnen vertrekken!”
-
-„Wat zeide de geneesheer?”
-
-„Die achtte het beter, dat ik nog een paar dagen hier bleef, maar hij
-zeide mij vanmorgen, dat ik, als ik wilde, morgen de inrichting kon
-verlaten!”
-
-„Daarbij blijft het dan!” hernam Raffles op vasten toon. „Wij mogen uw
-gezondheid niet in de waagschaal stellen, uit vrees voor de
-ellendelingen! Ik zal zelf vannacht de wacht houden, en ik verzeker u,
-dat niemand het zal wagen, ook maar een vinger naar u uit te steken!”
-
-Eleonore drukte de hand van Raffles met kracht, en er lag een vochtige
-glans in haar oogen, toen zij op gedempten toon zeide:
-
-„Ik wist immers wel, dat ik onder alle omstandigheden op u zou kunnen
-rekenen! Ik weet ook dat ik misbruik van uw goedheid maak—maar ik smeek
-u,—breng mij zoo spoedig mogelijk van hier! Ik ben bang in deze stad,
-die vol is van vijanden, die zeker geen oogenblik zullen aarzelen, mij
-te vermoorden, als Stanley hen daartoe het bevel heeft gegeven!”
-
-„Morgen reeds, Madame, kunt gij gaan waarheen gij wilt!” hernam
-Raffles.
-
-„Ik dank u!” was alles wat de jonge vrouw zeide, en Raffles moest zich
-afwenden, want in den blik van haar schoone oogen had hij een geheim
-gelezen, dat hij niet wilde, en niet mocht kennen, indien hij niet
-ontrouw wilde worden aan de zware taak, welke hij zich gesteld had—het
-bijstaan van de zwakken en onderdrukten en het herstellen van onrecht,
-tot iederen prijs, zelfs van diefstal!— — —
-
-Na eenige oogenblikken zeide hij op zakelijken toon:
-
-„Ik zal in ieder geval den directeur op het hart drukken, dat uw kamer
-met de uiterste zorg moet worden bewaakt, door vertrouwbaar personeel,
-zoodra de duisternis gevallen is. Wat den tuin aangaat—ik verzeker u,
-dat men uw venster niet zal bereiken! En nu moet ik u verlaten, want ik
-heb met mijn vrienden nog verschillende zaken te regelen—van middag
-keer ik waarschijnlijk nog eens terug. Het verheugt mij, dat ik uw
-toestand veel verbeterd vind. Niet ten onrechte noemt men Caïro een
-Dorado voor longlijders en genezenden—juist daarom bracht ik u
-hierheen!”
-
-„Zijt gij er waarlijk verheugd om, Raffles?” vroeg Eleonore op zachten
-toon.
-
-„Denkt gij van niet, Madame?”
-
-„Ik weet het niet—ik— — —soms lijkt het mij toe, alsof uw gelaat van
-marmer is! Ik kan er niets op lezen—geen sprankje van gevoel, niets dan
-koude ernst en vastberadenheid, en toch weet ik, toch gevoel ik, dat uw
-gemoed zacht en medelijdend is! Men bespot u onder de leden onzer bende
-omdat gij het geld, dat gij— —dat gij— — —”
-
-„Dat ik steel, Madame!”
-
-„— — — — — het geld, dat gij van anderen afneemt, bijna aanstonds weder
-uitgeeft om het te besteden aan doeleinden, waarom mijn vroegere
-makkers slechts lachten! Maar ik weet wat er in u omgaat—en daarom
-begrijp ik het niet, dat gij soms zoo trotsch, zoo koel, zoo
-ongenaakbaar er kunt uitzien! Zeg mij eens John Raffles—hebt gij een
-hart?”
-
-Raffles antwoordde niet aanstonds, maar staarde schijnbaar
-gedachtenloos uit het raam naar beneden in den dicht beplanten tuin,
-waar thans verscheidene zieken in rolwagentjes voorzichtig door
-verpleegsters heen en weer gereden werden, ten einde te genieten van
-den heerlijken zonneschijn.
-
-Toen wendde hij zich om, en antwoordde, terwijl zijn stem een harden
-klank had:
-
-„Ik mag geen hart bezitten, Madame—behalve voor mijn ongelukkige,
-verdrukte vrienden, voor hen die lijden, voor hen die onrechtvaardig
-behandeld, bedrogen en mishandeld worden!”
-
-Eenigen tijd bleef het weder stil in het ziekenvertrek.
-
-Toen kwam het op heeschen toon over de lippen van Eleonore Manoury,
-terwijl zij haar prachtige zwarte oogen strak op den man tegenover haar
-gevestigd hield:
-
-„Heeft de liefde nooit een rol gespeeld in uw leven, John Raffles?”
-
-„O ja, Madame—menigmaal zelfs!” antwoordde Raffles op drogen toon. „Gij
-ziet mij toch hoop ik niet aan voor een puritein, voor een Eunuch?
-Denkt gij soms dat ik ongevoelig ben voor vrouwelijk schoon? Ik mag
-alleen niet, en omdat ik niet mag, daarom wil ik ook niet! Later
-misschien—later!”
-
-Eleonore Manoury gaf geen antwoord, maar liet zich met een zucht, die
-als een klacht klonk, weder in de kussens terug vallen.
-
-Toen kwam het heel zacht over haar lippen, onhoorbaar voor den
-Gentleman-Inbreker:
-
-„Later—later misschien!”
-
-
-
-
-
-
-
-
-DE OVERVAL.
-
-
-Nadat Raffles dien middag voor de tweede maal een bezoek had gebracht
-aan Eleonore Manoury, en nog een en ander met haar besproken had, begaf
-hij zich naar Charly en Henderson, die in het Hotel des Anglais op hen
-zouden wachten, en nu pas deelde hij den beiden mannen mede, waarvoor
-zijn beschermelinge vreesde.
-
-Charly Brand had met gefronste wenkbrauwen toegeluisterd, en bromde nu
-half voor zich heen:
-
-„Het is dus nog niet uit! Die schurken zullen de arme vrouw van het
-eene punt van den aardbol tot het andere achtervolgen!”
-
-„Nu overdrijf je wel een weinig, waarde Charly!” hernam Raffles
-glimlachend. „Er zijn gelukkig nog heel wat plaatsen op onze schoone
-aarde, waar Eleonore Manoury veilig zal zijn. Als zij maar eenmaal goed
-en wel hier vandaan is!”
-
-„Waarschuw toch eenvoudig de politie, opdat die zich in hinderlaag kan
-stellen en den kerel wie het dan zijn mag, bij de kladden neemt, om hem
-zoo spoedig mogelijk te laten ophangen!”
-
-„Het laatste gedeelte van je programme heeft mijn volle sympathie,
-Charly—maar het eerste zou ik in dezer voege willen wijzigen dat wij
-zelf de rol van politieagenten vervullen! Bedenk dat Eleonore Manoury
-in Caïro—een stad dus waar de Engelsche wetten geldig zijn—aan
-hetzelfde gevaar bloot staat als te Londen, om dadelijk te worden
-verraden, wanneer een van die schurken haar inderdaad herkent. Mocht
-hij in handen van de politie vallen, dan zal hij geen seconde aarzelen,
-om den waren naam te noemen van de vrouw, die in het ziekenhuis
-verpleegd wordt—en dan zou al onze moeite vruchteloos zijn geweest!”
-
-„Daarin schuilt veel waars, Edward!” moest Charly toegeven. „Het wordt
-dus vannacht weder een waakpartij?”
-
-„Er schiet niets anders op over, mijn jongen! Mocht het werk je echter
-vermoeiend schijnen, dan zal niemand je beletten, den nacht in je
-hotelkamer door te brengen.”
-
-Charly kreeg een kleur en stamelde:
-
-„Zoo heb ik het natuurlijk niet bedoeld, Edward! Ik stel me natuurlijk
-geheel en al tot je beschikking—maar het wil mij voorkomen, dat mooie
-Eleonore ons binnen een tijdverloop van nog geen week reeds heel wat
-vermoeienissen en last heeft berokkend!”
-
-„Daarover mogen wij ons niet beklagen, Charly—bedenk dat zij een vrouw
-is!” antwoordde Raffles eenvoudig.
-
-De drie mannen nuttigden het middagmaal op het terras, want het was
-verrukkelijk weder, en te warm om binnen te zitten.
-
-Zooals gewoonlijk wilde Henderson zich reeds weer bescheiden
-terugtrekken maar Raffles bracht hem aan het verstand, dat daar thans
-geen sprake van kon zijn, want hij was nu slechts een helper, die een
-ongelukkige vrouw moest helpen redden, en zeker niet de chauffeur van
-Lord William Aberdeen.
-
-Zoolang het nog licht was, maakte men hiervan gebruik, om een wandeling
-te maken in de naaste omgeving der stad, die zelfs aan den kant, waar
-Caïro onmiddellijk aan de woestijn grenst, van een eigenaardige,
-plechtige schoonheid is, en vervolgens toen de duisternis ging vallen,
-slopen zij naar den tuin van het ziekenhuis, en wisten er ongemerkt
-binnen te dringen.
-
-Raffles had zich van te voren goed op de hoogte gesteld van de ligging
-van het ziekenvertrek, waar zijn beschermelinge terneder lag, en het
-duurde niet lang of de drie mannen hadden zich in hinderlaag gelegd
-achter een dicht begroeid boschje van Tamarindestruiken, vanwaar zij
-niet alleen het bewuste raam maar den geheelen zijgevel van het
-ziekenhuis konden overzien.
-
-Het was omstreeks half elf in den avond, toen zij deze schuilplaats
-konden betrekken.
-
-De maan was weliswaar verborgen, maar de lucht was toch zoo helder, dat
-de drie mannen de omgeving tamelijk goed konden overzien.
-
-Langzaam verstreken de uren, zonder dat zich iets bijzonders voordeed,
-en reeds begon zich een gevoel van slaperigheid van Charly Brand
-meester te maken waaraan hij nauwelijks weerstand kon bieden, en dat
-misschien wel veroorzaakt werd door den zoo buitengewoon snellen
-overgang van het ruwe Engelsche klimaat naar dit tropische land, waar
-des daags een temperatuur heerschte, die niet ver van de vijf en
-tachtig graden verwijderd was, en waar ook nu nog een lauwe warmte
-tusschen de zwijgende, roerlooze boomen van den gasthuistuin hing,
-terwijl de bedwelmende geur van de Tamarindebloesems de lucht vervulde.
-
-Maar juist toen hij meende dat zijn oogen zouden dichtvallen, voelde
-hij de hand van Raffles zachtjes op zijn arm.
-
-Hij keek hem aan, en het was nog licht genoeg om te kunnen zien, dat
-Raffles zijn oogen strak gevestigd hield op iets dat zich geruischloos
-en langzaam scheen te bewegen aan den voet van den muur.
-
-Charly tuurde in de richting, welke Raffles hem met den vinger aan
-wees, en nu begon hij een donkere gedaante te onderscheiden, die ergens
-mede bezig was, waarvan hij de beteekenis niet aanstonds begreep, maar
-welke hem spoedig genoeg duidelijk zou worden.
-
-Raffles gaf zijn metgezellen een teeken, en geruischloos slopen zij
-langs de struiken tot zoo dicht mogelijk bij den zijgevel van het
-groote witte gebouw, totdat er ternauwernood een afstand van tien meter
-was tusschen de drie mannen en den man, en wel een inlander, dat was nu
-duidelijk genoeg te zien!
-
-Raffles bracht zijn mond zoo dicht mogelijk bij het oor van Charly en
-fluisterde hem in:
-
-„Het is een Fellah—kijk maar naar de wijze, waarop hij zijn lendendoek
-draagt, en waarop zijn tulband geknoopt is.”
-
-Charly keek naar het donkerbruine lichaam, dat zich lenig als een slang
-bewoog, en nu duidelijk afstak tegen den helderwitten muur.
-
-En nu zag hij ook, waarmede de Fellah bezig was.
-
-Hij had een zeer lang bamboeriet meegebracht, zeker niet veel korter
-dan een meter of acht, en omstreeks een halve decimeter in doorsnede,
-zooals ze wel gebruikt worden door de Inlandsche kunstemakers, die er
-vaak halsbrekende toeren mede verrichten aldus, de een het riet op zijn
-schouder balanceert, terwijl de tweede er inklimt, en heel in den top,
-die van een lus van rotan is voorzien, zijn kunsten verricht.
-
-Waarschijnlijk had de man reeds den vorigen nacht dezen klimpaal bij
-zich gehad, en hem in den tuin weten te bergen, met het doel om hem,
-wanneer de gelegenheid gunstig was, opnieuw te gebruiken.
-
-Hij zette nu het lange bamboeriet behendig overeind, en plaatste het
-uiteinde in den hoek, dien de uitspringende vensterbank van het raam op
-de eerste verdieping, dat bij de ziekenkamer van Eleonore Manoury
-gelegen was, met den muur maakte, zoodat het stevig vast stond, en
-daarop maakte hij zich gereed vlug als een aap naar boven te klauteren.
-
-Maar Raffles liet hem geen gelegenheid, hooger dan een meter van den
-grond te komen.
-
-Een kort gefluisterd bevel—en de drie mannen stormden voorwaarts.
-
-Raffles greep den Fellah bij de naakte, bruine beenen, en trok hem met
-een ruk weder naar beneden.
-
-De man, glad als een aal, lenig als een riet, en blijkbaar met groote
-lichaamskracht begiftigd, was in een oogwenk weder overeind, en trok
-met een snelle beweging den krommen dolk met het breede, vlijmscherp
-geslepen lemmet, die in zijn gordel stak.
-
-Maar voor hij van het wapen gebruik kon maken, had Raffles hem een
-kaakslag toegebracht, die den Inlander als een aangeschoten haas om en
-om deed buitelen en hem neervelde, waarbij hij met het gelaat tegen den
-grond gedrukt bleef liggen.
-
-Henderson was met een paar stappen bij hem, en het kostte hem moeite
-het vreeselijke wapen los te wringen uit de krampachtig gesloten hand
-van den Fellah.
-
-Juist was hij hierin geslaagd, toen de Inlander weder tot zich zelf
-kwam.
-
-Maar zoodra hij zag, dat hij ontwapend was, en door drie mannen was
-omringd, die hunne revolvers op hem gericht hielden, scheen hij zich in
-zijn lot te schikken, ofschoon zijn zwarte oogen van woeste wraakzucht
-gloeiden.
-
-„Boeit hem stevig!” beval Raffles op gedempten toon. „Wij hebben met
-een zeer gevaarlijk sinjeur te doen. Een tijger ziet er, naar ik meen,
-nog zachtmoediger uit, vergeleken bij dit bruine heerschap!”
-
-En terwijl Raffles den Fellah den loop van zijn geweer tusschen de
-ribben duwde, maakte Charly zijn handen stevig op zijn rug vast, en
-bevestigde toen een dik touw vlug en handig aan zijn enkels, zoodat hij
-wel kleine stappen zou kunnen nemen, maar dat het hem onmogelijk zou
-zijn de vlucht te nemen.
-
-Hij wist hoe noodzakelijk deze voorzorgsmaatregel was, want het was hem
-bekend, dat Fellahs verbazend vlugge loopers met ongelooflijk
-uithoudingsvermogen zijn.
-
-De Fellah liet zijn blinkende tanden zien, en hij geleek nu waarlijk
-wel iets op een tot woede geprikkeld luipaard—maar hij had tot dusver
-nog geen enkel woord gesproken.
-
-Dit alles had nauwelijks eenige minuten geduurd, en in het ziekenhuis
-was men blijkbaar geheel onkundig gebleven van het voorval, dat zich in
-stilte had afgespeeld.
-
-Raffles keek zijn man eens goed aan, voorzoover de duisternis dit
-toeliet, en vroeg toen:
-
-„Spreek je Engelsch, man?”
-
-De Fellah knikte.
-
-„Hoe is je naam?”
-
-„Ibrahim Dhâr!” antwoordde de Fellah kortaf met een diep keelgeluid
-sprekend.
-
-„Wel mijnheer Ibrahim Dhâr, wilt gij mij zeggen, wat uw doel was, toen
-gij u gereed maakte, met behulp van dat bamboeriet naar gindsch raam te
-klauteren?”
-
-De Fellah zweeg, en keek Raffles met een somberen blik aan.
-
-„Gij wilt het niet zeggen?” herhaalde Raffles op dreigenden toon. „Dan
-zal ik het voor u doen! Gij wildet de ongelukkige vrouw vermoorden, die
-daar binnen ligt! En daartoe hebt gij stellig opdracht gekregen van — —
-— den Meester! Ik zie dat gij schrikt—en dat is geen wonder, want ik
-heb u doorzien nietwaar?”
-
-De Fellah haalde de schouders op—maar hij bleef het stilzwijgen
-bewaren.
-
-„Nu die schurk van een Stanley weet zijn mannen goed te kiezen!” hernam
-Raffles terwijl hij zich tot Charly Brand wendde. „Ik geloof dat men
-dien bruinen duivel eerder in stukken zal kunnen snijden, dan dat hij
-een woord zal loslaten.”
-
-De Fellah liet een trotsch, heesch lachje hooren, en zijn zwarte oogen
-fonkelden triomfantelijk in zijn fanatiek, mager gezicht.
-
-Raffles beschouwde hem nog eenigen tijd, en hernam toen:
-
-„Wij zullen in ieder geval wel eens zien, of hij in die houding blijft
-volharden!”
-
-Hij wendde zich weder tot den Inlander en vervolgde:
-
-„Gij moet weten, dat wij den tijd hebben, en zeer geduldig
-zijn—geduldiger misschien dan gij thans wel denkt! Wij nemen u mede—en
-zoodra Eleonore Manoury in veiligheid is gebracht, zal ik zoo vrij zijn
-u aan de politie uit te leveren!”
-
-En voor het eerst opende de Inlander den mond om te spreken.
-
-„Als gij dat doet, Sahib, dan zal ik aan de politie zeggen, wie gij
-zijt!”
-
-„Wie ik ben? Wilt gij mij wijsmaken, dat gij dat weet?”
-
-„Gij kunt niemand anders zijn dan de doodsvijand van den Meester!”
-hernam Ibrahim Dhâr op woesten toon. „Gij moet John Raffles zijn!”
-
-De Groote Onbekende haalde minachtend de schouders op.
-
-„En gelooft gij soms, dat de politie ook maar een seconde zou willen
-gelooven, wat een Inlander als gij haar zal mededeelen?” hernam hij
-schamper. „Men zal u uitlachen, man! Misschien ware het anders, wanneer
-men Eleonore Manoury nog in mijn gezelschap vond, maar ik zal wel
-zorgen, dat zij in veiligheid wordt gebracht! Men zal u eenvoudig voor
-krankzinnig verklaren—of liever men zal de schouders over u ophalen, en
-meenen dat gij dronken zijt. Ibrahim Dhâr, ik ben geen seconde
-bevreesd!”
-
-De Fellah klemde de lippen opéén en liet een schor geluid hooren, als
-van een getergden hond.
-
-Klaarblijkelijk zag hij de waarheid in van hetgeen de vijand van zijn
-heer en meester zooeven had verklaard—de getuigenis van een Inlander,
-die bovendien nog heel nog wat met de politie te vereffenen had, zou
-natuurlijk niet opwegen tegen die van den rijken Engelschen
-vreemdeling, en hij zou er zijn zaak slechts door benadeelen.
-
-Daarentegen begreep de schrandere Fellah heel goed, dat hij, als
-Raffles hem inderdaad een paar dagen vasthield, bezwaarlijk door de
-rechtbank veroordeeld kon worden wegens den aanslag op Eleonore
-Manoury, want de rechters zouden wel eens aan Raffles de vraag kunnen
-stellen, waarom hij dan de zaak niet aanstonds had aangegeven, en
-gewacht had tot de vrouw, op wier leven het gemunt was, het ziekenhuis
-weder had verlaten.
-
-Raffles scheen te begrijpen wat er in het gemoed van den Inlander
-omging, maar geen spier op zijn gelaat bewoog.
-
-Vroeg of laat zou de Fellah de straf voor zijn misdaden wel ontvangen,
-en hij was er bijna zeker van, dat deze bruine bandiet, die lid bleek
-te zijn van het Genootschap van den Gouden Sleutel, in ieder geval wel
-zooveel op zijn kerfstok zou hebben, dat hij voor vele jaren de
-gevangenis zou ingaan.
-
-Hij dacht even na over hetgeen hem nu te doen stond, en wendde zich
-toen tot Charly met de woorden:
-
-„Het gemakkelijkste zou zijn, den kerel dadelijk in handen van de
-politie te stellen—maar het eerste wat hij zou doen, zou natuurlijk
-zijn te verraden wie de vrouw is, die hier verpleegd wordt. Om
-diezelfde reden kunnen wij hem ook niet overleveren aan den directeur
-van het ziekenhuis, want die zou het zeker zijn plicht achten, de
-politie te waarschuwen, en Eleonore te beletten de inrichting te
-verlaten, totdat het was uitgemaakt of de Inlander inderdaad de
-waarheid had gesproken.”
-
-„Hetgeen ook ons in groote moeilijkheden zou brengen, Edward!” merkte
-Charly Brand op.
-
-„Wij moeten dus iets anders verzinnen!” hernam Raffles peinzend. „Den
-kerel laten loopen—daaraan denk ik geen oogenblik! Dat zou te
-gevaarlijk zijn, en daarenboven—misschien bedenkt onze vriend Ibrahim
-zich nog wel eens, en bekent hij, van wien hij de opdracht had
-ontvangen Eleonore van het leven te berooven.”
-
-„Nooit!” riep de Fellah op woesten toon. „Gij kent Ibrahim Dhâr niet,
-als gij denkt dat hij zal spreken!”
-
-„Wij zullen zien!” antwoordde Raffles kortaf.
-
-Hij wierp een blik op zijn horloge.
-
-Het was bijna drie uur, over een paar uur zou het volkomen dag zijn.
-
-Er moest dus snel gehandeld worden.
-
-Raffles wendde zich weder tot Charly, maar thans gebruikte hij de
-geheime taal, welke alleen de drie mannen verstonden, en welke voor
-ieder volkomen onbegrijpelijk was, terwijl hij zeide:
-
-„Huur aanstonds een snelle auto. Er zijn hier garages in overvloed.
-Breng het voertuig hier—en dan zullen wij dien bruinen schavuit buiten
-Caïro brengen, en hem bewaken in een van de dichte bosschen, die zich
-ten Noord-Oosten van de stad uitstrekken, totdat Eleonore in veiligheid
-zal zijn. Ik heb dan de handen vrij en wij kunnen dan wel verder zijn!”
-
-„Ik breng natuurlijk geen chauffeur mee?”
-
-„Dat spreekt van zelf!” riep Raffles eenigzins ongeduldig uit. „Wij
-kunnen geen derden bij onze zaak betrekken. Haast je wat!”
-
-Charly vertrok om dadelijk de opdracht te gaan volbrengen.
-
-En gedurende den tijd dat hij weg bleef, bewaakten Raffles en Henderson
-den Inlander—want zij vertrouwden hem niet, ofschoon hij goed geboeid
-was, en iedere paar minuten overtuigde Raffles zich, dat de man zich
-niet had weten te bevrijden van de touwen, die zijn handen op zijn rug
-gebonden hielden.
-
-Maar reeds na verloop van een half uur keerde Charly weder terug, thans
-met een kleine maar snelle auto, welke hij liet stilstaan voor het
-groote hek, op de plek, waar hij Raffles en de anderen had
-achtergelaten.
-
-Niet zoodra had Raffles de lichten van de auto gezien, en het bekende
-signaal met den hoorn vernomen, of hij gaf Henderson een kort bevel, en
-daarop grepen de beide mannen den Hindoe ieder bij een arm, en
-geleidden hem door het hek, waarvan Raffles zich een valschen sleutel
-had weten te verschaffen, naar buiten en naar de plek, waar de auto
-stond te wachten.
-
-Het ging niet al te vlug, want de Hindoe kon slechts langzaam loopen
-wegens zijn kluisters, maar eindelijk zat hij dan toch in het voertuig,
-en Raffles nam aan het stuurwiel plaats, terwijl Charly hem als bewaker
-ging vervangen.
-
-Raffles kende hier de wegen uitstekend, en zeker evengoed als die van
-Londen.
-
-De kleine auto snelde over den goed onderhouden weg, het bosch
-tegemoet, en toen zij dit bereikten, steeg juist de zon boven de kim.
-
-Raffles liet de auto stilstaan, en zeide op zachten toon tot Charly:
-
-„Breng hem in het dichtste gedeelte van het bosch—er komen daar maar
-heel zelden menschen, en je kunt hem gerust knevelen, zoodat hij niet
-kan schreeuwen. Ik ga aanstonds Eleonore Manoury uit het ziekenhuis
-bevrijden, en breng haar op een veilige plek, om aanstonds weder naar
-je terug te keeren—en dan zullen wij eens zien, of wij dezen Ibrahim
-Dhâr niet kunnen bewegen, om iets los te laten, en nog heel wat meer te
-doen wat ik verlang—met of tegen zijn zin!”
-
-
-
-
-
-
-
-
-WAT IBRAHIM DHÂR VERRICHTTE.
-
-
-Het was bijna tien uur in den morgen, toen Charly in de verte, op den
-breeden straatweg, waarvan echter door het dichte geboomte en het
-struikgewas niets te zien viel, weder het geluid hoorde van een
-autohoorn.
-
-Hij slaakte een zucht van verlichting, want de bewaking van den Fellah,
-met zijn ondoorgrondelijk gelaat en zijn onheilspellend schitterende
-oogen, was hem zwaar genoeg gevallen, en had veel van zijn zenuwen
-gevergd, al was de schurk ook ontwapend, en al waren Henderson en
-hijzelf van vuurwapens voorzien.
-
-De twee Engelschen namen den Fellah weder in het midden, en voerden hem
-tot bij de plek waar Charly het sein van den hoorn had gehoord.
-
-Het duurde niet lang of Raffles trad te voorschijn.
-
-Zijn gelaat had een opgewekte uitdrukking, en Charly begreep aanstonds,
-dat Eleonore Manoury althans voorloopig in veiligheid was gebracht.
-
-„Hoe is het met haar?” vroeg hij zachtjes.
-
-„Zoo goed als het maar kan!” antwoordde Raffles. „Zij heeft
-voortreffelijk geslapen, dank zij het kalmeerend middeltje, dat de
-directeur haar op mijn aanraden had toegediend, en waarin een zeer
-geringe hoeveelheid morphine was gemengd, en zij heeft, op mijn arm
-gesteund, zelfs eenige minuten kunnen loopen! Over een paar dagen is ze
-weer geheel de oude, denk ik!”
-
-De Fellah had met een norsch, onbewogen gelaat naar deze woorden
-geluisterd maar het fonkelen van zijn oogen, diep in de kassen
-verborgen, en dat hij onmogelijk kon bedwingen, toonde maar al te
-duidelijk aan, hoezeer de wraakzucht hem verteerde.
-
-Raffles had den Inlander een oogenblik zwijgend gadegeslagen, en wendde
-zich nu tot Ibrahim Dhâr met de woorden:
-
-„Hebt gij u bedacht?”
-
-„Ik weet niet wat gij bedoelt!” antwoordde de Inlander hooghartig.
-
-„Gij weet het zeer goed, maar gij volhardt bij uw stilzwijgen!” riep
-Raffles toornig uit. „Niets zou mij nu gemakkelijker vallen, dan u
-aanstonds aan de politie over te leveren—maar eerst zult gij mij van
-dienst zijn!”
-
-„Denkt gij dat werkelijk?” riep de Inlander hoonend uit. „Niets zal ik
-voor u doen—behalve een gebed tot Vishnoe richten, opdat hij u moge
-verdelgen!”
-
-„Wij weten tenminste nu, wat wij aan u hebben!” hernam Raffles
-kalmpjes. „Zie mij eens recht in de oogen!”
-
-Onwillekeurig gehoorzaamde de Fellah, en keek recht in de groote
-staalgrijze oogen.
-
-Maar het volgende oogenblik barstte hij in een heesch lachen uit—en de
-dunne rimpelige oogleden vielen neer over de zwarte oogen.
-
-„Denkt gij met een kind te doen te hebben?” riep Ibrahim Dhâr op
-schellen toon. „Dacht gij dat ik niet onmiddellijk mij bewust was
-geweest van de hypnotiseerende kracht van uw blik? Als gij mij op deze
-wijze wilt dwingen—dan kunt gij wachten tot den dag van het laatste
-oordeel! Ibrahim Dhâr is geen kind!”
-
-Raffles glimlachte flauwtjes, maar hij scheen volstrekt niet ontmoedigd
-te zijn.
-
-„Onze man is sterker dan ik dacht!” zeide hij schouderophalend. „Nu als
-dit eenvoudige middel niet slaagt, dan moet ik mijn toevlucht nemen tot
-het meer ingewikkelde! Knevel hem weder, vrienden!”
-
-En voor Ibrahim Dhâr zich goed bewust was, wat er met hem geschiedde,
-voelde hij weder den doek om het benedenste gedeelte van zijn gezicht
-knellen.
-
-„Grijp hem nu stevig vast!” vervolgde Raffles.
-
-Henderson plaatste zich achter den Fellah, en greep hem met zijn
-ijzeren vuisten stevig bij de bovenarmen, ter hoogte van den elleboog.
-
-Nu pas opende Ibrahim Dhâr weder de oogen, om te zien wat men met hem
-voor had.
-
-En dadelijk begon hij zich als een waanzinnige te verweren, want in de
-rechterhand van Raffles zag hij een klein voorwerp—een zeer fijn
-spuitje, met een spitse punt, zooals men wel voor morphine-inspuitingen
-gebruikt.
-
-Ofschoon hij volstrekt niet kon vermoeden, wat er met hem zou
-geschieden, gevoelde hij instinctmatig het gevaar, dat hem van dit
-onnoozele voorwerp bedreigde.
-
-Maar Henderson had hem stevig vast, en vruchteloos kronkelde de Fellah
-zich als een wurm in zijn sterke vuisten.
-
-Raffles trad op hem toe, greep zijn naakten rechterarm met de
-linkerhand, en drukte met de rechterhand snel de vlijmscherpe punt van
-het injectiespuitje een millimeter in het vleesch, terwijl de
-wijsvinger snel en handig de kleine piston nederdrukte.
-
-Zelfs door den doek heen was de kreet van dierlijke woede te hooren,
-welke de Fellah slaakte, toen hij den prik voelde.
-
-„Laat hem nu maar weer los!” beval Raffles kalm. „Nu zullen wij eens
-zien of mijn beproefd middeltje spoedig zal werken!”
-
-De reus ontspande zijn vuisten, die den Fellah als in een knelschroef
-gevangen hadden gehouden, en de Fellah was vrij.
-
-Hij keek Raffles aan met oogen, die uit hun kassen dreigden te puilen,
-en schopte als razend met de beenen in zijn vruchtelooze pogingen om
-zich te bevrijden van de koorden, die ze gekluisterd hielden.
-
-Maar de touwen waren sterk, en spoedig zag Ibrahim Dhâr het nuttelooze
-van zijn pogingen in.
-
-Toen stond hij eenige oogenblikken doodstil, als uit brons gegoten.
-
-Raffles sloeg hem aandachtig gade, met de belangstelling van een
-geneesheer, die een eigenaardig geval bestudeert.
-
-En hij zag, hoe er als het ware een rilling liep over het geheele,
-slechts door den heupdoek bekleedde lichaam van den Inlander.
-
-Het was of die man door een hevige koude bevangen was, die hem deed
-huiveren.
-
-„Maak zijn armen maar los!” beval Raffles op zachten toon. „Hij zal nu
-wel niet meer in staat zijn om zich te verweren!”
-
-Charly gehoorzaamde.
-
-Hij kende het wonderbaarlijke middel, waarvan Raffles zich zooeven
-bediend had, hij had er een paar maal de merkwaardige uitwerking van
-gezien, en hij wist dat Raffles de waarheid sprak—reeds nu zou Ibrahim
-Dhâr er niet aan denken zich te verzetten—hij was van dit oogenblik een
-willoos werktuig geworden in de hand van den Grooten Onbekende!
-
-Hij maakte dus de touwen los, en de dunne, maar gespierde armen van den
-Fellah, vielen slap langs zijn lichaam neder.
-
-Hij stond daar nu met eenigszins gespreide beenen, het hoofd op de
-borst geneigd, terwijl de felle glans van haat en woede snel uit de
-donkere oogen week.
-
-Raffles sloeg hem nog eenigen tijd gade, en beval toen op zachten toon:
-
-„Maak nu ook de kluisters van zijn beenen maar los.”
-
-Charly ontknoopte het koord.
-
-De Fellah was vrij—en als hij gewild had, had hij zich met enkele
-sprongen in veiligheid kunnen brengen in het dichte bosch.
-
-Hij verroerde zich echter niet, en bleef rustig op dezelfde plek staan.
-
-Er lag een kalme, geheel veranderde uitdrukking op zijn gelaat.
-
-De oogen keken droomerig, en als onbewust van hetgeen zich om hem
-voordeed.
-
-Raffles verhief zijn stem een weinig, en beval:
-
-„Ibrahim Dhâr, loop wat heen en weder, om den bloedsomloop te
-herstellen in uw beenen, die gebonden zijn geweest!”
-
-Langzaam als een automaat, als een speelgoedpop, kwam de Fellah in
-beweging.
-
-Hij deed eenige passen, keerde zich om, liep in de andere richting,—en
-zoo eenige malen achtereen.
-
-„Sta stil!” beval Raffles.
-
-Onmiddellijk stond de Fellah stil.
-
-Een glimlach van voldoening gleed over het gelaat van den Grooten
-Onbekende.
-
-„Het verheugt mij, dat het middeltje, dat ik heb uitgevonden, ook op
-dezen man zijn uitwerking niet mist,” zeide hij toen. „Een oogenblik
-vreesde ik er voor, want het is eigenlijk samengesteld om te worden
-toegepast op lieden, die, als de Westerlingen, voor het meerendeel veel
-dierlijk voedsel gebruiken—en je weet dat de bewoners van Afrika zich
-hoofdzakelijk voeden met rijst en brood.”
-
-Hij keek een oogenblik onderzoekend naar de oogen van den Fellah, en
-vervolgde:
-
-„Zijn bewegingen zijn nu nog een weinig automatisch, maar dat zal wel
-spoedig verbeteren, en over een half uur zal geen sterveling, die mijn
-geheim niet kent—en wie zou het kennen?—aan mijn man kunnen zien, dat
-hij niet meer dezelfde is, niet meer Ibrahim Dhâr, maar het willoos
-werktuig, de slaaf, de gehoorzame dienaar van John Raffles.”
-
-„Kun je er niet eens de proef van nemen?” vroeg Charly die met groote
-belangstelling het geheele voorval had gadegeslagen.
-
-„Ik moet het zelfs wel hier doen, Charly! Dit is er de beste plaats
-voor—maar wij zullen ons toch eerst wat dichter bij onze auto
-begeven—het zou zeer onaangenaam zijn, wanneer de wagen ons ontstolen
-werd!”
-
-Raffles wendde zich tot den Inlander, die steeds op dezelfde plek was
-blijven staan, en beval:
-
-„Ibrahim Dhâr volg ons!”
-
-De drie Engelschen begaven zich in de richting van den straatweg, en
-achter hen volgde, gehoorzaam als een hond, de Fellah.
-
-Spoedig hadden zij de plek bereikt, waar Raffles de auto had laten
-stilstaan.
-
-Hier hielden allen halt, en de Groote Onbekende wendde zich opnieuw tot
-den Inlander, en zeide:
-
-„Gij moet mij nauwkeurig en naar waarheid antwoorden op alle vragen,
-die ik u zal stellen, Ibrahim Dhâr! Hebt gij mij begrepen?”
-
-De Inlander knikte.
-
-„Neen, geef mij antwoord!”
-
-„Ja, Sahib!”
-
-„Zoo is het goed! Gaf de Meester je bevel om Eleonore Manoury van het
-leven te berooven?”
-
-„Zoo is het, Sahib!”
-
-„Weet gij wie hij is?”
-
-„Ja!”
-
-„Hebt gij hem wel eens persoonlijk ontmoet?”
-
-„Meermalen!”
-
-„Hoe wist hij dat Eleonore Manoury zich hier bevond?”
-
-„Een der onzen werd in het ziekenhuis verpleegd, en heeft haar in den
-tuin gezien!”
-
-„Dus zij had toch gelijk,” mompelde Raffles zachtjes voor zich heen.
-
-Daarop hernam hij, zich opnieuw tot den Fellah wendende:
-
-„Op welke wijze is dat aan Stanley medegedeeld?”
-
-„Ik heb hem zelf een telegram gezonden!”
-
-„In gewoon Engelsch?”
-
-„In het Engelsch, maar in geheime taal!”
-
-„Wat antwoordde hij?”
-
-„Dat er onmiddellijk tegen de vrouw moest worden opgetreden—ik wist wat
-met deze woorden bedoeld werd— — —”
-
-„Waarom zijt gij den eersten keer gevlucht, alvorens uw verfoeilijk
-plan ten uitvoer te brengen?”
-
-„Ik werd gestoord door een verdacht geluid!”
-
-„Hebt gij medeplichtigen?”
-
-„Neen, ik deed het alleen!”
-
-Raffles zweeg eenige oogenblikken en keek Charly glimlachend aan.
-
-„Je ziet dat de Fellah geen geheim meer voor ons heeft!” zeide hij.
-
-„Hij kon niet sneller antwoorden, al ware hij op een pijnbank
-gespannen!” antwoordde Charly vol bewondering.
-
-„O, ik heb mijn instrument nog niet ten volle bespeeld—er valt nog meer
-uit te halen,” hernam Raffles levendig. „Let maar eens op!”
-
-Hij dacht even na over zijn volgende vraag, en begon toen opnieuw:
-
-„Wie dragen er kennis van de geheime taal, welke gij gebezigd hebt om u
-in verbinding te stellen met den Meester?”
-
-„Niet velen! Hier te Caïro zijn er ten hoogste vier, die deze taal
-kennen! Ik ben een luitenant van het Genootschap!”
-
-De Fellah had dit laatste op trotschen toon gezegd, en voor een
-oogenblik scheen er een weinig leven in zijn zwarte oogen te komen.
-
-„Gij bekleedt dus een rang van beteekenis?”
-
-„Ja! De Meester weet zeer goed, dat ik hier in deze streek van Afrika
-door duizenden gehoorzaamd werd.”
-
-„Veronderstel eens dat gij Stanley dringend verzocht aanstonds hier te
-komen, daar het een zaak van het grootste belang betrof—bijvoorbeeld
-dat gij John Raffles hier hadt ontmoet—gelooft gij dan, dat de Meester
-aan dat verzoek gehoor zou geven?”
-
-„Zonder eenigen twijfel!”
-
-„Bestaat er een sleutel van uw geheim?”
-
-„Ja.”
-
-„Waar is die?”
-
-„In een geheime schuilplaats in mijn woning.”
-
-„Waar is die woning gelegen?”
-
-„Even buiten de stad, niet ver van den weg naar Alexandria!”
-
-Raffles keek Charly glimlachend aan, en zeide op gedempten toon:
-
-„Mij dunkt, dat het niet mooier kon! Wat zeg je wel van deze lokvink?
-Hij zal zoo zeker als twee maal twee vier is op mijn bevel Stanley hier
-brengen! Het is jammer, dat ik het middeltje, wat ik hem heb
-toegediend, slechts zeer zelden en dan nog alleen met de grootste
-opoffering aan tijd en inspanning kan vervaardigen, wegens de zeer
-groote zeldzaamheid van de voornaamste grondstoffen waaruit het is
-samengesteld!”
-
-„Is het werkelijk je plan, Raffles, Irwin Stanley hier te laten komen?”
-riep Charly uit, wien dit vooruitzicht alles behalve scheen toe te
-lachen.
-
-„Ja! Heb je er iets tegen in te brengen?”
-
-„Alleen maar dit, dat ik niet goed inzie, hoe je den man gemakkelijker
-onschadelijk kunt maken, zonder je zelf in gevaar te brengen, dan te
-Londen!”
-
-„Maar dat is toch zoo eenvoudig mogelijk, mijn waarde!” hernam Raffles.
-„De politie hier in Caïro ontvangt een briefje van mijn hand, waarin ik
-haar zonder meer mededeel, dat ik mij hier bevind! Ik zelf zal echter
-wel zorg dragen dat ze mij niet te zien krijgt!”
-
-„En in dat briefje....?”
-
-„In dat briefje deel ik haar mede, dat een zekere Ibrahim Dhâr, die
-haar waarschijnlijk wel bekend zal zijn, haar op een vastgesteld
-tijdstip mededeelingen zal komen doen betreffende een samenkomst, welke
-hij met Irwin Stanley uit Londen zal hebben. Die Ibrahim Dhâr zal
-waarschijnlijk verre van gunstig staan aangeschreven bij de politie van
-deze stad, en men zal het dus al, zonder dat de man nog een woord
-gezegd heeft, behalve dat hij Stanley verwacht, op zijn minst verdacht
-vinden, dat een Engelschman op de ontvangst van het telegram van zulk
-een individu als deze Fellah, onmiddellijk naar Caïro komt, zonder zich
-een oogenblik te bedenken!”
-
-„Alles goed en wel, Raffles,—maar tegenover de politie zal deze bruine
-schoelje geen woord los laten!”
-
-„Ik vraag je verschooning—ik zal hem eenvoudig zeggen dat hij moet
-antwoorden, en hij zal er niet aan denken, om te weigeren! Vergeet
-niet, dat het volstrekt niet noodzakelijk is, dat juist ik hem de
-vragen stel! Hij zal even goed geantwoord hebben, als jij of Henderson
-dit doet! De man is eenvoudig willoos, dat is alles. Hij is in het
-volle bezit van al zijn zintuigen—en ook van zijn geestelijke
-vermogens—alleen niet over de macht om van zijn vermogens naar zijn
-eigen wil gebruik te maken! Het is een soort hypnose, maar van een zeer
-bijzondere soort!”
-
-„Maar als de man weder uit dien toestand ontwaakt, Edward, dan zal hij
-eenvoudig alles loochenen!” riep Charly uit.
-
-Raffles echter haalde de schouders op, en hernam:
-
-„Het middel behoudt maandenlang zijn uitwerking, die dan zeer langzaam
-aan verdwijnen gaat—tenzij ik hem een zeer eenvoudig tegengif geef—een
-injectie met cocaïne.”
-
-„Maar Stanley—geloof je niet dat hij aanstonds zal inzien, dat hier
-bedrog in het spel is—dat Ibrahim Dhâr niet meer zich zelf is, maar een
-willoos werktuig van een ander?”
-
-„Ik betwijfel of Stanley, die geen geneesheer is, dit inderdaad zou
-opmerken, Charly—maar zelfs al was dat het geval, dan zal hij de
-politie toch niet kunnen overtuigen van zijn opvatting—zijn woorden
-zullen slechts in zijn nadeel spreken, de politieautoriteiten denken,
-dat hij tracht, hen op een dwaalspoor te brengen, hen om den tuin te
-leiden!”
-
-„Maar hoe wil je Stanley dwingen, naar de politie te gaan?”
-
-„Een oogenblikje! Hij zal niet naar de politie gaan—de politie komt
-naar hem!” hernam Raffles glimlachend. „Ik zal Ibrahim Dhâr bevelen mij
-de plek te noemen, waar hij met Stanley pleegt samen te komen—ik zal
-hem zelf nauwkeurig het uur opgeven, dat hij voor de samenkomst met den
-Meester in zijn telegram moet vermelden—en ik zal wel zorgen, dat de
-politie daar aanwezig is, om Stanley in verzekerde bewaring te nemen.”
-
-„Maar dat kan zij toch niet doen, Raffles, voor zij eerst heeft
-afgewacht, dat het gesprek tusschen den Inlander en Stanley inderdaad
-van gevaarlijken aard is?”
-
-Raffles haalde opnieuw de schouders op, en antwoordde:
-
-„Een paar minuten zullen wel voldoende zijn, om haar te doen inzien,
-welk vleesch zij in den kuip heeft!”
-
-„Maar de Fellah zal geen mond open doen! Hij spreekt niet, zooals je nu
-immers zelf ziet, tenzij hem iets gevraagd wordt!”
-
-„Zeer juist! En ik denk dat de eerste vraag van Stanley zal zijn:
-„Welnu waar bevindt John Raffles zich, bruine broeder?”
-
-„Waarop de Fellah zal antwoorden: „Ik weet het niet blanke broeder!”
-viel Charly hem in de reden.
-
-„Nu mijn waarde, al wisselden zij inderdaad niets anders dan die vraag
-en dat antwoord—dan zou dat voor de politie reeds voldoende moeten
-zijn, om in te zien dat Stanley inderdaad nog heel iets anders is dan
-de zaakwaarnemer waarvoor hij zich uitgeeft.”
-
-
-
-
-
-
-
-
-HET NET WORDT GEWEVEN.
-
-
-Omstreeks twee uur in den middag ontving de hoofdcommissaris van
-politie te Caïro, Huntley, een schrijven van den volgenden inhoud:
-
-
- „Mijnheer!
-
- Een uur geleden verzond de Fellah, Ibrahim Dhâr, U waarschijnlijk
- welbekend, een telegram in geheime taal, aan Irwin Stanley, Kappel
- Street 93 te Londen, waarvan ik U hier een afschrift laat volgen in
- het origineel, zoowel als in de werkelijke beteekenis.
-
- Zooals gij ziet luidt de inhoud van dit telegram: „Meester! Uw
- overkomst dringend noodzakelijk. John Raffles hier gezien met de
- vrouw. Aanslag op haar mislukt. Ik volg Raffles voet voor voet.
- Verblijf van de vrouw onbekend. Ibrahim Dhâr.”
-
- Ik kan u verzekeren dat, wat de hoofdzaak betreft, dit telegram
- volkomen waarheid is—John Raffles is inderdaad hier te Caïro, en
- uit de onderteekening van dit schrijven kunt gij zien, wie U dit
- briefje schrijft.
-
- Wanneer ik zoo vrij mag zijn, U een raad te geven, stel U dan
- onmiddellijk in verbinding met Uw collega’s te Londen, en verzoek
- deze, het doen en laten van Irwin Stanley nauwkeurig te doen
- nagaan.
-
- Scheept hij zich inderdaad met de eerste de beste boot, die
- vertrekt, naar Caïro in, of gaat hij te land over Genua, hetgeen de
- weg aanzienlijk verkort, dan zal Scotland-Yard wellicht haar
- meening nog wel eens herzien in zake de onaantastbaarheid van den
- heer Irwin Stanley!
-
- Zonder eenigen twijfel zult ook gij het wel pikant vinden, dat deze
- heer aanstonds gevolg geeft aan den wensch om naar Caïro over te
- steken, en daarvoor zijn drukke praktijk te laten varen, wanneer
- die wensch geuit wordt door een man als Ibrahim Dhâr.
-
- Daar het echter verre van mij is, U te nopen, mij zonder meer
- geloof te schenken, noodig ik U uit, vandaag over zeven dagen, des
- avonds om elf uur, met eenige mannen te verschijnen in het huis van
- Ibrahim Dhâr, even buiten Caïro, aan den weg naar Alexandria
- gelegen, waar gij U in hinderlaag kunt leggen, en waar Irwin
- Stanley om half drie in den nacht zal verschijnen.
-
- Het is zeer wel mogelijk, dat gij mij persoonlijk dank zult willen
- betuigen voor deze kostbare inlichtingen, welke U een groot
- misdadiger in handen zullen spelen, maar om begrijpelijke
- redenen—mijn aangeboren bescheidenheid nog daar gelaten—wensch ik
- mij liever aan iedere betuiging van hulde en dankbaarheid te
- onttrekken.
-
- Wanneer gij voorzichtig, met list, en doortastend op het goede
- oogenblik te werk gaat, en vooral geen ruchtbaarheid geeft aan dit
- schrijven dan zult gij, naar ik meen, een grooten dienst aan de
- gemeenschap bewezen hebben.
-
- Inmiddels, met onveranderlijke gevoelens van hoogachting,
-
- Steeds gaarne de Uwe,
- John Raffles.
-
-
-Het behoeft geen nader betoog, dat dit schrijven onder de hoogste
-politieautoriteiten van Caïro de uitwerking had van een donderslag bij
-helderen hemel.
-
-Het schrijven opende alle mogelijke perspectieven!
-
-Om te beginnen was John Raffles—aangenomen natuurlijk dat de brief geen
-fopperij was—in Caïro!
-
-Dat was ongetwijfeld een zaak van belang, en alleen viel het zeer te
-betreuren, dat men aan de wetenschap alleen niet veel had!
-
-Raffles had even goed kunnen mededeelen, dat hij zich in Afrika bevond!
-
-Verder was van groot gewicht dat hij den naam van Ibrahim Dhâr noemde.
-
-Deze Fellah werd reeds lang gezocht wegens eenige zware misdrijven,
-maar had zich gedurende langen tijd aan alle nasporingen van de politie
-weten te onttrekken—hij bleek zich dus te hebben opgehouden in een
-eenzaam huis, vervallen en dat men onbewoond waande, zonder dat men het
-wist.
-
-Nu begreep de heer Huntley wel, dat niets gemakkelijker zou zijn, zich
-aanstonds te overtuigen van de waarheid van hetgeen Raffles in zijn
-brief te berde had gebracht, door eenvoudig een paar schrandere
-detectives in hinderlaag te leggen in de nabijheid van het verlaten
-huis, die zich dadelijk van den persoon van den langgezochten Fellah
-konden meester maken, zoodra zij hem in het oog kregen.
-
-Maar—dan had men wel den Inlander, maar men miste daarentegen het
-onderhoud met Stanley, waaruit zou blijken, dat deze inderdaad de man
-was, voor wien John Raffles hem hield—iets wat de heer Huntley
-voorloopig niet zonder deugdelijke bewijzen verkoos aan te nemen.
-
-Daar er echter niets aan verloren zou zijn, als men er zich toe
-bepaalde, het vervallen huis aan den straatweg naar Alexandria
-zorgvuldig in het oog te houden, zoo besloot de hoofdcommissaris van
-politie, voorloopig nog niet handelend op te treden, en de kat eens uit
-den boom te zien.
-
-En er waren nog geen twee volle dagen verloopen, of de heer Huntley
-moest erkennen, dat althans reeds een deel van hetgeen John Raffles in
-zijn schrijven had aangevoerd, bewaarheid was—Irwin Stanley had, na in
-allerijl zijn toebereidselen te hebben gemaakt, de reis naar Caïro
-aanvaard, en wel langs den kortsten weg, per boot het kanaal over, door
-Frankrijk naar Genua, en vandaar met de correspondeerende pakketboot
-naar Caïro!
-
-Intusschen, dit kon toeval zijn.
-
-Weliswaar had Irwin Stanley nog pas korten tijd geleden iets met de
-Londensche politie uitstaande gehad, eveneens gevolg eener mededeeling
-van John Raffles, en ofschoon men hem toen op vrije voeten had moeten
-stellen—de zaak kwam nu toch in ander licht te staan, als men haar in
-verband bracht met Raffles’ jongste betichtingen.
-
-Hoe het ook zij,—in het geheim werden de gangen van den zaakwaarnemer
-nagegaan, van het oogenblik af, dat hij zijn huis in de Kappel-Street
-verliet, en men moest het Scotland Yard ter eere nageven, dat Stanley
-geen seconde onbewaakt bleef.
-
-De telegraaf werkte snel en naar alle richtingen, met de meest
-mogelijke geheimhouding, want men wist maar al te goed, dat het
-Genootschap van den Gouden Sleutel zelfs zijn spionnen had op de
-telegraaf-centrale en telephoonbureaux, en niet zoodra was de boot te
-Calais aangekomen, of Fransche detectives namen de taak van de
-Londensche over, met niet minder schranderheid en onopvallendheid.
-
-Van station tot station werd Irwin Stanley nagegaan, en klaarblijkelijk
-zonder dat hij er zelf eenig bewustzijn van had.
-
-Zijn gedachten waren te zeer vervuld van wraakgevoelens, en van
-hoopvolle verwachting, dat hij er eindelijk in zou slagen zijn
-doodsvijand machtig te worden—en tevens zijn voormalige minnares, die
-voor hem steeds een bedreiging zou blijven, zoo lang zij zich buiten
-zijn greep bevond.
-
-In Genua stapte tegelijk met Irwin Stanley wederom een Engelsche
-detective aan boord, want het vaartuig was van een Engelsche
-Maatschappij, een Engelsch schip, en dus Engelsch grondgebied.
-
-Maar er waren wel een paar honderd reizigers, en Stanley dacht aan heel
-andere dingen dan aan Engelsche detectives,—hij dacht over de
-martelingen na, welke hij zijn vijand zou laten ondergaan, wanneer hij
-hem weder in zijn macht had.
-
-Want hij kon er niet aan twijfelen—aan Raffles was het zeker weder te
-wijten geweest, dat de aanslag op Eleonore Manoury mislukt was.
-
-Thans bevond zij zich zeker weer in veiligheid—en toch moest zij tot
-iederen prijs gevonden worden, want zoolang die vrouw leefde, moest
-Stanley vreezen voor zijn eigen bestaan.
-
-Als zij alles mededeelde wat zij van hem wist, dan zou het zelfs niet
-onmogelijk zijn,—neen zeker ware het, dat hij zijn hoofd door den strop
-zou moeten steken!
-
-De overtocht was zeer voorspoedig, de Middellandsche zee was zoo glad
-als een spiegel, en de reis werd in twee uren minder dan den
-vastgestelden tijd volbracht.
-
-Aanstonds begaf Irwin Stanley zich naar het Hotel des Anglais, waar hij
-zich onder zijn eigen naam in het vreemdelingenregister liet
-inschrijven.
-
-En weer was hij zich er onbewust van, dat tegelijk met hem een ander
-reiziger een kamer in het hotel had, die luisterde naar den naam John
-Raffles!
-
-Inderdaad, de Groote Onbekende had den schurk niet uit het oog willen
-verliezen, en hij was hem tot Genua tegemoet gereisd, waar hij zijn
-uiterlijk totaal had veranderd, terwijl hij den Inlander, Ibrahim Dhâr,
-had toevertrouwd aan de bewaking van Charly en James Henderson.
-
-Dit laatste was noodzakelijk geweest, want er zou groot gevaar aan
-verbonden geweest zijn, indien men den Fellah had laten doen wat hij
-wilde.
-
-Hij zou dan misschien met medeplichtigen in aanraking zijn gekomen, die
-wellicht het plan van Raffles zouden hebben doorzien, of misschien zou
-hij wel in handen van de politie zijn gekomen, op een zoo ongunstig
-mogelijk tijdstip—namelijk voor dat Stanley zijn reis zou hebben
-beëindigd.
-
-Het was immers steeds verstandig, geen al te hooge wissels te trekken
-op de schranderheid van de politie.
-
-Huntley kon wel eens de meening zijn toegedaan, dat één vogel in de
-hand beter is dan tien in de lucht, en voorloopig maar beslag leggen op
-den Inlander, zoodra deze hen in handen zou vallen.
-
-En daarom hadden Charly en Henderson een van die groote schuiten
-gehuurd, overdekt met een soort huif, uit gevlochten rotan, en die met
-behulp van een ontzaglijk lange wrikspaan wordt voortbewogen, en daarin
-waren zij met Ibrahim Dhâr, die hen mak als een schaap volgde, den Nijl
-afgezakt.
-
-Wat Raffles aangaat, hij had zich omgetooverd tot een ouden, Franschen
-markies, die niet heel lang meer te leven had, en die zijn wankele
-gezondheid in dit heerlijke, gezonde klimaat nog een weinig hoopte op
-te lappen.
-
-Hij zag er uit als een menschelijk wrak, met slechts weinig, spierwit
-haar, dat blijkbaar met de grootste zorgvuldigheid over het hoofd was
-verdeeld, vale, ingevallen wangen, snor en sikje, een gebogen houding,
-en een droog kuchje.
-
-En zoo voortreffelijk was zijn kleeding, dat geen der kellners, noch de
-gérant, noch de directeur, ook maar een oogenblik in dezen onttakelden
-Franschen markies den Engelschen plezierreiziger van eenige dagen
-geleden herkende.
-
-Raffles had Stanley geen oogenblik uit het oog verloren, en hij
-bewaakte hem van het oogenblik af, zooals de herdershond de kudde
-bewaakt.
-
-Natuurlijk kon hij hem onmogelijk overal nagaan, daar een schrander man
-als Stanley dit spoedig zou hebben gemerkt, maar dat behoefde ook niet,
-want Charly, die eveneens zijn uiterlijk had veranderd, kwam hem
-aflossen, zoodat alleen den reus de taak te beurt viel een wakend oogje
-op Ibrahim Dhâr te houden.
-
-Raffles had zoo nauwkeurig alles uitgerekend, dat Stanley reeds
-denzelfden nacht, volgend op den dag zijner aankomst, naar het eenzame
-huis aan den straatweg naar Alexandria moest gaan, teneinde daar de
-samenkomst te hebben met den Fellah.
-
-De politie had haar maatregelen genomen, want Huntley was tot het
-inzicht gekomen, dat het hem naderhand als een onvergeeflijke fout zou
-kunnen worden aangerekend, den brief van Raffles in den wind te hebben
-geslagen.
-
-Hij had dus vijf van zijn beste mannen naar het vervallen huis
-gezonden, reeds vroeg in den avond, die zich daar in hinderlaag hadden
-gelegd.
-
-Het was toen half tien, en Ibrahim Dhâr was er nog niet, hetgeen
-Huntley, die het kleine troepje persoonlijk had willen aanvoeren, wel
-een weinig teleurstelde.
-
-Het was in ieder geval geen goed voorteeken!
-
-Maar omstreeks elf uur naderden er zachte, katachtige voetstappen, de
-buitendeur ging open, en de Fellah trad binnen.
-
-Hij begon met een kleine lantaarn aan te steken, en hing deze aan een
-kram aan den wand.
-
-Vervolgens opende hij een kleine wandkast, haalde er wat levensmiddelen
-uit, zette een soort thee, waartoe hij het water op een
-houtskoolvuurtje aan het koken bracht, en nuttigde den maaltijd.
-
-En dit alles met afgemeten, als mechanische gebaren, schijnbaar zonder
-zelf te beseffen wat hij deed.
-
-Daarop borg hij alles wat hij gebruikt had weder weg, nam de lantaarn
-van den haak, besteeg een wrakke trap, die naar de eenige verdieping
-van het vervallen huis voerde, ging een vertrek binnen, waar een bamboe
-rustbank, door een muggennet omgeven, met een paar eenvoudige stoelen,
-het eenige meubilair vormden.
-
-Hier hing hij de lantaarn opnieuw op, nadat hij voor het eenige, smalle
-venster een lap stof, bij wijze van gordijn had laten vallen, nam op de
-rustbank plaats, en wachtte.
-
-En hij wachtte klaarblijkelijk zonder eenig besef van den tijd te
-hebben, zonder zich een oogenblik te vervelen, zonder te weten of hij
-vijf minuten, dan wel een vollen dag had gewacht.
-
-Traag kropen de uren voorbij, maar Huntley en zijn mannen werden niet
-ongeduldig, maar wachtten daarentegen in groote spanning op hetgeen er
-nog zou volgen.
-
-Want reeds de helft van hetgeen Raffles in zijn brief verzekerd had,
-was uitgekomen—de langgezochte Inlander zat daar, op nauwelijks een
-paar passen afstand van hen vandaan.
-
-Het werd eindelijk halfdrie in den nacht—en juist op dat oogenblik werd
-er op de buitendeur op eigenaardige wijze geklopt.
-
-De Inlander scheen het evenwel niet te hooren, of als hij het al hoorde
-sloeg hij er geen acht op.
-
-Hij bleef tenminste roerloos zitten.
-
-De man die buiten stond, bromde iets voor zich heen, scheen een
-oogenblik te aarzelen, en duwde toen tegen de deur, die meegaf.
-
-„Een open deur?” bromde Stanley—want hij was het—voor zich heen. „Dat
-bevalt mij niet erg! Ik geloof dat het noodzakelijk zal zijn om een
-paar voorzorgmaatregelen te nemen!”
-
-Hij stak de hand in zijn zak, en toen hij die weder te voorschijn
-haalde, blonk in zijn vuist de loop van een revolver.
-
-Nu duwde hij zachtjes de deur wat verder open, en trad voorzichtig
-binnen.
-
-Hij wachtte vele minuten, de ooren in luistering gespitst, scheen toen
-gerustgesteld, en sloot de deur.
-
-En op hetzelfde oogenblik maakten zich drie gedaanten los uit de
-schaduw van het zware struikgewas tegenover het huis, die het gebouwtje
-snel naderden, en het volgende oogenblik er als het ware door werden
-opgeslokt.
-
-Het waren John Raffles en zijn beide onafscheidelijke metgezellen....
-
-
-
-
-
-
-
-
-GECONFRONTEERD.
-
-
-Stanley bleef, nadat hij de deur gesloten had, opnieuw eenige
-oogenblikken in luisterende houding staan, en zijn grijsgroene oogen
-fonkelden als die van een jaguar.
-
-Maar alles in het huis bleef doodstil.
-
-Toen spitste Stanley de lippen en liet een zacht sissend geluid hooren,
-zooals de brilslang maakt, wanneer door het een of ander haar toorn is
-opgewekt.
-
-Het was zeker bedoeld als een sein, want onmiddellijk klonk het
-antwoord op dezelfde wijze gegeven.
-
-„Hij is er dus!” mompelde de Meester voor zich heen. „Het geluid kwam
-van boven.”
-
-Voorzichtig begon hij de trap te beklimmen, steeds de revolver in de
-vuist, en zich met de linkerhand steunend tegen een gepleisterden muur,
-die in een oud verleden misschien wel eens wit was geweest.
-
-Alvorens het portaal te betreden, keek hij voorzichtig rond, en toen
-hij een lichtstraal onder de deur van het bovenvertrek zag dringen,
-ging hij verder, trad op de deur toe, opende ze langzaam, en keek vol
-verbazing naar de gedaante van den Fellah, die onbeweeglijk op de
-rustbank zat.
-
-Hij scheen te wachten, tot Ibrahim Dhâr zou opstaan om hem te
-begroeten, maar toen er niets van dien aard geschiedde, zeide hij op
-gedempten toon, en met ongeduld en toorn in zijn stem:
-
-„Ibrahim Dhâr, is dit de wijze waarop een luitenant den Meester
-begroet?”
-
-Nu pas scheen de Inlander iets te merken van het binnenkomen van Irwin
-Stanley.
-
-Er was een vraag tot hem gericht, en hij moest dus antwoorden.
-
-Langzaam wendde hij het hoofd naar den binnentredende, stond op, en
-zeide afgemeten:
-
-„Ik groet u, Meester! De sleutel zij ons geheim!”
-
-Terwijl hij deze woorden uitsprak, had hij de armen over de borst
-gekruist, en maakte nu een diepe eerbiedige buiging.
-
-„Zoo is het beter!” hernam Stanley. „Het verbaast mij een weinig,
-Ibrahim Dhâr, dat ik je daarop eerst opmerkzaam moest maken. En laat
-ons nu spoedig ter zake komen. Je zult begrijpen, dat je telegram mij
-zeer verschrikt heeft! Ik hoop echter dat je mij goed nieuws kunt
-mededeelen!”
-
-Daar de Fellah bleef zwijgen hernam Stanley:
-
-„Is er iets bekend van John Raffles?”
-
-„Ik heb hem gezien!” antwoordde de Inlander op doffen toon.
-
-„Waar?”
-
-„In het bosch ten Noord Oosten van de stad!”
-
-„Hoe wist je dat hij het was?”
-
-„Ik vermoedde het!”
-
-„Ben je krankzinnig, man?” riep Stanley toornig uit. „Laat je mij op
-een vermoeden de reis van Londen naar Caïro maken? Wat moet dat
-beteekenen? Ik meende dat je zekerheid had!”
-
-„Ik weet dat Raffles hier is!” hernam de Fellah op denzelfden doffen
-toon, zonder uitdrukking.
-
-„Kort en goed—waar is hij nu?”
-
-„Dat weet ik niet!”
-
-„Verdoemd! Is dat alles wat je mij te zeggen hebt? Wat helpt het mij
-dat ik weet dat Raffles in Caïro is, als je mij niet eens kunt zeggen,
-waar hij zich ophoudt! Ben je goed bij je zinnen, Ibrahim?”
-
-„Ik weet zeer goed wat ik zeg, Sahib, ik weet alleen dat John Raffles
-zich hier bevindt, want ik heb met hem te maken gehad!”
-
-„Maar denk je althans zijn spoor terug te kunnen vinden?” hernam
-Stanley woedend.
-
-„Daar ben ik zeker van, Meester!”
-
-„Het is je geraden!” bromde Stanley, terwijl hij den Fellah een
-giftigen blik toewierp. „Ik ben er niet de man naar, om den spot met
-mij te laten drijven en een reis van bijna een week te maken, om mij
-hier te laten vertellen, dat je niet eens weet waar mijn doodsvijand
-zich bevindt!”
-
-De Inlander gaf geen antwoord en deze woorden, die ieder ander van
-schrik zouden hebben doen verstijven, schenen hem volkomen onbewogen te
-laten.
-
-Stanley keek hem een oogenblik doorborend aan, en bromde voor zich
-heen:
-
-„Wat scheelt den schavuit toch? Hij schijnt in het geheel niet op mijn
-woorden te letten! Het is alsof zijn gelaat geheel veranderd is, dan
-toen ik hem voor het laatst ontmoette. Het lijkt wel alsof hij versuft
-is!”
-
-„Hoe was het mogelijk dat de vrouw ontsnapte?”
-
-„Raffles hielp haar, Meester!”
-
-„Ja, dan spreekt het van zelf!” riep Stanley op sarcastischen toon.
-„Waar Raffles de behulpzame hand biedt, daar kunnen wij gerust bakzeil
-halen, ha ha ha! Vertel het mij!”
-
-En nu deed de Fellah het verhaal van zijn pogingen om de ongelukkige
-vrouw in het ziekenhuis te dooden, en daarop deelde hij mede, op welke
-wijze Raffles zich van hem meester had gemaakt.
-
-Maar toen hij het oogenblik genaderd was, waarop Raffles hem de
-injectie toebracht, begon zijn stem te haperen, hij stotterde, streek
-zich over het voorhoofd, en scheen zijn geheugen totaal kwijt te
-zijn,—en het was alsof er eensklaps een nevel oprees, die althans aan
-zijn oogen onttrok, wat er met hem geschied was in de laatste
-oogenblikken, die onmiddellijk vooraf gingen aan de inspuiting.
-
-Stanley had met gloeiende verbazing en onrust toegeluisterd.
-
-De eentonige stem, de manier waarop de Inlander verhaalde, juist als
-een schoolknaap die een van buiten geleerd lesje opzegt, maakte zijn
-verbazing en achterdocht gaande.
-
-Toen Ibrahim Dhâr eensklaps bleef steken, bleef Stanley een oogenblik
-wachten, stampvoette toen ongeduldig, en stelde toen de vraag:
-
-„Welnu? Waarom beëindigt gij uw verhaal niet? Wat is er met je gebeurd,
-nadat Raffles er in slaagde je te boeien en machteloos te maken?”
-
-„Dat weet ik niet, Meester!” antwoordde de Fellah met gebogen hoofd.
-
-„Weet je dat niet?” herhaalde Stanley met gefronst voorhoofd. „Houd je
-mij voor den gek? Je was toch niet beschonken?”
-
-„Ik was volkomen nuchter, Meester! Het is alleen maar, alsof er zich
-een schaduw over mijn geest legt—ik kan niets meer onderscheiden van
-het oogenblik af, tot waar mijn verhaal ging.”
-
-„Maar je zult mij toch wel kunnen mededeelen, hoe je je dan weder van
-Raffles bevrijd hebt?” riep Stanley uit, wiens gelaat sedert eenige
-oogenblikken een loerende, boosaardige uitdrukking had verkregen.
-
-„Dat kan ik niet verhalen, Meester—ik weet niet hoe ik mij bevrijd
-heb!”
-
-In plaats van te antwoorden wierp Stanley een langzamen blik om zich
-heen.
-
-Er was iets in de stilte van het huis, dat geleek op de dreiging van
-een groot gevaar, waaraan hij echter geen naam wist te geven.
-
-Er viel niets te hooren dan het tjirpen van de groote krekels, die zich
-verborgen hadden in de spleten van den houten wand.
-
-Stanley was zeker een schrander man, en hij zag in, dat er met den
-Inlander in ieder geval iets ongewoons gebeurd was.
-
-Hij ging zelf in een hoek van het vertrek staan, steeds om zich heen
-ziende de revolver tot vuren gereed, en beval op gedempten toon:
-
-„Loop eens heen en weer!”
-
-Onder normale omstandigheden zou dit bevel zeker eigenaardig genoeg
-hebben moeten klinken in de ooren van een man als Ibrahim Dhâr, die
-onder zijn landgenooten groote macht bekleedde, en zeer gezien was.
-
-De Fellah bedacht zich geen oogenblik, maar begon aanstonds op en neer
-te loopen, met afgemeten schreden, en strak voor zich uitziende,
-ongeveer als een koorddanser doet, die ook steeds den blik recht voor
-zich uit gericht houdt.
-
-„De duivel hale mij—de kerel loopt net als een pop, die is opgewonden,
-een stuk speelgoed—of als een slaapwandelaar—iemand onder hypnose!
-Stanley ik vrees dat je ditmaal een groote domheid hebt begaan—een
-flater die je wel eens den hals kon breken!”
-
-De Inlander liep nog maar altijd heen en weer, totdat Stanley op
-gedempten toon en ongeduldig beval:
-
-„Sta stil, kerel—je maakt mij dol met je heen en weer loopen!”
-
-Aanstonds staakte de Fellah zijn wandeling door het kleine vertrek, en
-bleef roerloos op dezelfde plek staan.
-
-Stanley luisterde, sloop toen naar de deur, rukte ze open—en stond
-tegenover twee agenten van politie, die hun revolver op zijn borst
-gericht hielden.
-
-„Geef u over!” beval er een, terwijl hij een stap vooruit deed. „Alle
-tegenstand is nutteloos—gij zijt in onze macht!”
-
-„Dat zullen wij zien!” brulde Stanley.
-
-Hij sprong haastig weder achteruit, wierp de deur dicht, en ijlde op
-het raam toe, zonder zich te bekommeren om den Inlander, die van het
-voorval niets scheen te hebben gemerkt, en als uit brons gehouwen op
-dezelfde plek was blijven staan.
-
-Stanley rukte de lap terzijde, die dienst deed als gordijn, en wilde
-het raam openduwen, om naar beneden te springen—maar juist toen hij het
-raam had geopend, verschenen de hoofden van twee andere agenten boven
-den rand, en ook zij waren goed gewapend, en hielden hunnen revolvers
-op hem gericht.
-
-Stanley uitte een vreeselijken vloek, en wilde op een der agenten
-vuren, teneinde zich tot iederen prijs een doortocht te banen, maar de
-deur achter hem vloog weder open, en Huntley stormde binnen, greep zijn
-rechterarm vast, terwijl de beide agenten van politie zich op hem
-wierpen.
-
-Er ontstond een hevige worsteling, want Stanley was een sterk gespierd
-man, maar hij begreep wel, dat hij het spoedig zou moeten opgeven.
-
-„Kom mij te hulp, Ibrahim!” schreeuwde hij. „Wat sta je daar als een
-zoutpilaar, man!”
-
-De Inlander scheen op dit bevel gewacht te hebben want nu pas wierp hij
-zich als een tijger op Huntley, die er juist in geslaagd was, Stanley
-zijn revolver te ontrukken.
-
-De Inlander kon geen gebruik maken van zijn vreeselijk wapen, dat
-Raffles hem had ontnomen, en waarschijnlijk had de commissaris van
-politie slechts aan deze omstandigheid het behoud van zijn leven te
-danken.
-
-Hij slaagde er nu in, den Inlander van zich af te werpen, en toen deze
-weder kwam toestormen, bracht hij hem met de kolf van de revolver een
-slag terzijde van het hoofd toe, die hem neervelde.
-
-Stanley begreep, dat iedere tegenstand verder nutteloos zou zijn, nu
-reeds had hij er bitter berouw van, dat hij, toen Ibrahim zijn argwaan
-had gaande gemaakt, niet op een andere wijze was opgetreden, want nu
-zou het onmogelijk zijn, al hetgeen de Inlander zooeven had gezegd, en
-ook zijn eigen woorden als een onschuldig gesprek te doen voorkomen—hij
-kon er namelijk wel zeker van zijn, dat daarvan geen enkel woord
-ontgaan was aan den commissaris van politie en zijn manschappen.
-
-Toch besloot hij, tot het einde te blijven strijden en daarbij gebruik
-te maken van de omstandigheid, dat de Inlander klaarblijkelijk onder
-hypnose was.
-
-Hij wist zich zoo goed mogelijk te bedwingen, toen hij het geglinster
-van de stalen boeien om zijn polsen zag, richtte zich trotsch op, en
-vroeg terwijl hij zich tot Huntley wendde:
-
-„Wilt gij mij eens zeggen wat dit alles te beteekenen heeft, mijnheer?”
-
-„Kom, mijn waarde heer, laat dien toon en die houding varen!” zeide
-Huntley spottend. „Het dient tot niets om te loochenen! Drie mannen
-achter de deur verborgen, hebben woord voor woord gehoord wat hier
-gesproken is,—en ik acht mij ten volle verantwoordelijk als ik u in
-arrest houd, en u naar Londen laat transporteeren, waar Scotland-Yard
-wel beter op de hoogte zal zijn van uw levensloop dan wij hier!”
-
-„Maar gij hebt niet het recht mij in arrest te houden!” riep Stanley op
-heftigen toon. „Ik ben een Engelsch burger, en gij kunt mij volstrekt
-niets ten laste leggen!”
-
-„In ieder geval kunnen wij u ten laste leggen, dat gij u tegen de
-politie verzet hebt, en zelfs een mijner mannen had willen
-neerschieten! Dat is al ruimschoots voldoende! Maar al had gij dat niet
-gedaan—die Inlander daarginds, die mijn mannen bezig zijn te binden,
-daar hij weder uit zijn bewusteloosheid ontwaakt, heeft u aangesproken
-met een naam, die ook hier te Caïro ook maar al te bekend is!”
-
-„Die Inlander verkeerde onder hypnose!” riep Stanley uit. „Laat maar
-aanstonds een geneesheer ontbieden, die direct mijn verklaring zal
-bevestigen!”
-
-„Hypnose of niet—gij waart in ieder geval volkomen bij uw positieven,
-nietwaar?” hernam Huntley. „Gij hebt pas op de laatste oogenblikken
-vermoed, wat er met dezen man geschied was, en of gij daarin gelijk
-hebt of niet, gij hebt zelf dingen gezegd en gevraagd, die maar al te
-zeer bewijzen bijbrengen voor uw identiteit! Kortom mijnheer
-Stanley—gij zijt mijn gevangene en ik zou u aanraden u vooral niet te
-verzetten, want het zou u kunnen berouwen!”
-
-Juist nu op dit oogenblik ontwaakte de Inlander uit zijn
-bewusteloosheid, veroorzaakt door den slag met de revolver tegen zijn
-slaap.
-
-Hij trachtte zich op te richten, en merkte toen pas, dat hij aan enkels
-en polsen geboeid was.
-
-De ontdekking daarvan scheen hem echter tamelijk onverschillig te
-laten, en hij keek met doffe oogen, en blijkbaar zonder eenige
-belangstelling de aanwezigen aan.
-
-„Gij ziet wel, dat deze man onder den invloed van derden moet zijn!”
-riep Stanley uit. „Kijk maar eens naar zijn oogen, naar zijn
-zonderlinge bewegingen en let op zijn onverschilligheid, nu hij zich
-gevangen weet.”
-
-Maar de commissaris van politie haalde koeltjes de schouders op, en
-sprak:
-
-„Wij zullen wel zien! Maar het doet er voor mij niets toe, of deze man
-inderdaad gehypnotiseerd is, of door een ander gedwongen te doen wat
-hij deed—het pleit sterk tegen u, dat gij in zijn gezelschap zijt
-geweest!”
-
-De commissaris wendde zich nu tot den Fellah, en begon:
-
-„Hoe is je naam?”
-
-„Ibrahim Dhâr, Sahib!” antwoordde de Inlander zonder aarzelen.
-
-„Je hebt immers nog gevangenschap te goed?”
-
-„Ja Sahib!”
-
-„Hoeveel?”
-
-„Twaalf jaren dwangarbeid!”
-
-„Waarom?”
-
-„Wegens een moordaanslag op een Europeaan, vier jaren geleden!”
-
-„Je weet natuurlijk dat er ook nog andere beschuldigingen tegen je
-waren ingebracht!”
-
-„Ik weet het, Sahib!”
-
-Huntley wees thans naar Stanley, die met bleek gelaat had
-toegeluisterd, en vervolgde:
-
-„Ken je dien man daarginds?”
-
-De Inlander wendde nu zijn blikken in de richting van den Meester, en
-antwoordde toen:
-
-„Ik ken hem zeer goed, Sahib!”
-
-„Sedert hoe lang?”
-
-„Sedert drie jaren, Sahib!”
-
-„Wie en wat is hij?”
-
-„Zijn naam is Irwin Stanley, hij woont te Londen, en hij werd eenige
-maanden geleden gekozen tot aanvoerder van het Genootschap van den
-Gouden Sleutel.”
-
-„Hij liegt!” schreeuwde Stanley terwijl hij een paar stappen naar voren
-deed.
-
-Zijn gelaat was grasgroen geworden, en zijn oogen dreigden hem uit het
-hoofd te puilen.
-
-Het was hem duidelijk geworden, dat er op dit oogenblik om zijn leven
-gestreden moest worden.
-
-Elke seconde kon het noodlottig antwoord komen op een vraag van den
-commissaris van politie, het antwoord, dat zijn doodvonnis zou
-beteekenen, want de Inlander wist omstreeks alles van zijn verleden.
-
-Huntley legde zijn gevangene met een streng gebaar het stilzwijgen op
-en hernam nu, terwijl hij zich opnieuw tot den Fellah wendde:
-
-„Hebt gij inderdaad een telegram in geheime taal aan dezen man
-gezonden?”
-
-„Ja, Sahib.”
-
-„Hoe luidde de inhoud van het telegram?”
-
-„„Meester, Uw overkomst dringend noodzakelijk. John Raffles hier gezien
-met de vrouw. Aanslag op haar mislukt. Ik volg Raffles voet voor voet.
-Verblijfplaats van de vrouw onbekend.” En daarop volgde mijn naam,
-eveneens in geheimschrift.”
-
-Terwijl de Inlander antwoordde, had de commissaris van politie den
-brief van Raffles te voorschijn gehaald, en hij bemerkte nu dat het
-antwoord van den Inlander woordelijk overeen kwam met hetgeen daarin
-vermeld stond.
-
-Hij kon er dus geen seconde aan twijfelen, of die andere vijand van de
-politie, de Gentleman-Inbreker, was wel degelijk hier en uitstekend op
-de hoogte geweest van alles wat de Inlander gedaan had en wilde doen.
-
-Hij borg den brief weder zorgvuldig op, na hem nog even te hebben
-geraadpleegd en wendde zich weder tot den Inlander met de vraag:
-
-„Kent gij John Raffles?”
-
-„Ja, Sahib.”
-
-„Wanneer hebt gij hem voor het eerst ontmoet?”
-
-„Ongeveer een week geleden, Sahib.”
-
-„Deel mij de omstandigheden mede, waarop dit plaats vond.”
-
-„Maar gij zult toch geen geloof hechten aan de wartaal van dien
-Inlander?” zeide Stanley, terwijl zijn oogen bliksems schoten.
-
-„Tot op dit oogenblik, mijnheer Stanley, kan ik niet zeggen dat deze
-man wartaal praat,” herhaalde de commissaris koel. „Integendeel, ik
-vind dat alles wat hij zegt volkomen begrijpelijk en heel duidelijk is,
-en nu zou ik u wel willen verzoeken, mij niet meer in de rede te
-vallen. Gij zult ten volle gelegenheid krijgen, u te verdedigen. Uw
-verhaal, Ibrahim Dhâr.”
-
-De Fellah leunde met het naakte bovenlijf tegen den wand van het
-vertrek, sloot half de oogen en begon opnieuw en met letterlijk
-dezelfde woorden als zooeven aan den meester, het verhaal te doen van
-dezelfde wederwaardigheden, die aan de lezers reeds bekend zijn.
-
-De commissaris luisterde aandachtig toe en maakte nu en dan snel eenige
-aanteekeningen.
-
-En weer begon Ibrahim Dhâr te stamelen, toen hij aan het oogenblik
-genaderd was, waarop Raffles hem de injectie toediende en er was verder
-geen woord meer uit hem te krijgen. Zijn geheugen was hem volkomen
-omsluierd.
-
-De commissaris van politie klapte zijn boekje dicht, beet op zijn
-potlood en zeide toen half voor zich heen:
-
-„Het lijkt inderdaad wel, of deze man onder hypnose gehandeld heeft, en
-dan natuurlijk onder die van Raffles. Het laat zich ook anders bijna
-niet verklaren hoe de Groote Onbekende alles zoo nauwkeurig wist en hoe
-deze Inlander zich weder in vrijheid heeft weten te stellen, nadat hij
-zich reeds eenmaal in de handen van Raffles had bevonden. Er begint mij
-reeds veel duidelijk te worden in deze zaak. Raffles heeft zich op deze
-wijze van een uiterst gevaarlijken vijand willen ontdoen en ik geloof,
-dat hij er goed in geslaagd is ook.”
-
-Hij wendde zich nu opnieuw tot Stanley, keek hem een oogenblik
-aandachtig aan en zeide toen:
-
-„Nu moogt gij uw opmerkingen maken. Wat hebt gij aangaande de
-verklaringen van dezen misdadiger, die tot uw vrienden schijnt te
-behooren, te zeggen?”
-
-„Alleen, dat hij alles van A tot Z gelogen heeft,” antwoordde de
-Meester op woesten toon.
-
-De commissaris haalde de schouders op en hij hernam op schamperen toon:
-
-„Als ik u was, mijnheer Stanley, zou ik deze methode om u vrij te
-pleiten maar spoedig laten varen. Zij dient tot niets. Er is namelijk
-nog iemand anders wiens verklaringen die van den Inlander volkomen
-dekken en welke ik, hoe zonderling het ook moge klinken, als de volle
-waarheid aanvaard. De naam van dien man is John Raffles. Hebt gij dien
-ooit gehoord?”
-
-„Te Londen kent men dien naam zeer goed, mijnheer. Het is de naam van
-een dief, van een inbreker.”
-
-„Toegegeven, doch van een gentleman. Ik heb in mijn bezit een schrijven
-van hem, waarin hij mij uitvoerig aankondigde juist al hetgene, wat
-zich hier thans in het huis heeft afgespeeld. En daar hij over u
-volstrekt geen macht kon uitoefenen, daar gij als het ware regelrecht
-uit Londen hier zijt gekomen, heb ik geen reden om aan de
-waarachtigheid van zijn woorden te twijfelen.”
-
-„Ik blijf ontkennen,” riep Stanley uit. „Ik ken den naam van Raffles
-slechts van hooren zeggen. Ik weet niet wat hij van mij wil.”
-
-„Dat zullen wij dan voorloopig laten varen, mijnheer Stanley. Maar gij
-zult toch zeker niet willen ontkennen, dat gij uit Londen zijt
-vertrokken, onmiddellijk na ontvangst van het telegram van Ibrahim
-Dhâr?”
-
-En daar Stanley bleef zwijgen, hernam de commissaris spottend:
-
-„Het zou u ook weinig baten, om het te ontkennen. Gij zijt den geheelen
-weg langs, van het oogenblik af, waarop gij uw huis verliet in de
-Kappel-Street, gevolgd en in het oog gehouden. Men is op de hoogte van
-uw minste stappen. Kortom, alles wat gij deed, alles wat gij hier
-gezegd hebt, pleit ten sterkste tegen u. En gij zult u te Londen hebben
-te verantwoorden, dat is alles, wat ik u voor het oogenblik te zeggen
-heb. Voer de beide mannen weg, agenten.”
-
-
-
-
-
-
-
-
-DE ONTVLUCHTING.
-
-
-Raffles, Charly en Henderson hadden zich veilig weder terug getrokken
-in het dichte boschje, dat zich tegenover het huis bevond, waarin zich
-dat alles had afgespeeld.
-
-Het raam was open gebleven en zij hadden gemakkelijk bijna alles kunnen
-volgen, wat er geschied was.
-
-En toen Raffles zag, hoe Stanley geboeid werd weggeleid en in
-gezelschap van Ibrahim Dhâr werd overgebracht naar de auto, welke
-verschenen was op het fluitsein van den commissaris, en die tot dien
-tijd verdekt opgesteld was geweest achter een kromming van den zijweg,
-glimlachte hij voor zich heen en zeide op zachten toon tot Charly:
-
-„Wanneer niet alle kenteekenen ons bedriegen, dan mogen wij het er wel
-voor houden, dat thans het rijk van Irwin Stanley teneinde is,
-tenminste, wanneer men in Londen geen ezelachtigheden begaat, waartoe
-ik zelfs Scotland Yard niet in staat acht.”
-
-„Je hebt de partij voortreffelijk gespeeld, Edward, en ik geloof zeker,
-dat je haar gewonnen hebt,” gaf Charly ten antwoord, op wiens jong
-gelaat een uitdrukking van groote opluchting en voldoening te lezen
-was. „Er is ons nu een groote last van de schouders genomen en het zal
-zeker niet lang meer duren, of ook deze aanvoerder van het Genootschap
-van den Gouden Sleutel zal binnen niet al te langen tijd door het
-hennepen venster moeten kijken. Wat zullen wij nu doen, Raffles?”
-
-„Eenvoudig toezien, wat er met onzen man geschiedt. Ik zal niet gerust
-zijn, voor hij veilig en wel in een van de stevigste gevangenissen van
-Londen zit opgesloten, en zelfs dan zal ik nog altijd vrees moeten
-koesteren voor een ontsnapping, want die Stanley heeft ontelbare
-connecties onder alle kringen der maatschappij, en al kan men er wel
-van op aan, dat gelukkig al onze cipiers betrouwbaar zijn, er kunnen
-toch in de gevangenis, zoowel als daarbuiten personen te vinden zijn,
-die alles in het werk stellen om den schurk weder te bevrijden. Wij
-hebben hier niets meer te doen. Ik heb je reeds gezegd, dat ik Eleonore
-Manoury gedurende den tijd, dat wij op de komst van Stanley moesten
-wachten, met behulp van onze vliegmachine naar het diamanteiland heb
-overgebracht, waar zij voorloopig gezelschap genoeg heeft aan Sonja,
-mijn Armenische beschermelinge, die zich daar uit eigen beweging met
-twee van haar dienstmaagden heeft terug getrokken.”
-
-„Omdat zij je lief had, Raffles,” zeide Charly op zachten, eenigszins
-verwijtenden toon, „en omdat zij meende, je op die wijze het best haar
-dankbaarheid te kunnen betuigen, nadat je haar bevrijd had uit de
-klauwen van haar Turkschen achtervolger. En nu, nu is er op het eenzame
-eiland een tweede vrouw gekomen, die eveneens alleen het beeld van John
-Raffles in haar hart draagt. Nu kunnen die beide vrouwen met elkander
-praten over je ongenaakbaarheid en je koelheid.”
-
-„Welnu, dan hebben ze althans een onderwerp tot gesprek, dat niet zoo
-spoedig uitgeput zal zijn,” kwam Raffles koeltjes. „In ieder geval zal
-Eleonore Manoury daarginds buiten ieder bereik zijn van eenig lid van
-de bende, en dat is de hoofdzaak. En wanneer haar inderdaad gevoelens
-voor mij bezielen, die jij haar toeschrijft, dan zullen die daar in de
-eenzaamheid wel slijten, hetgeen voor alle partijen verreweg het beste
-is.”
-
-Charly schudde het hoofd, maar hij gaf geen antwoord.
-
-Raffles wenkte Henderson, die een weinig achter was gebleven en de drie
-mannen begaven zich haastig naar den kleinen renwagen, waarvoor Charly
-reeds gezorgd had, en stapten in, teneinde de politieauto op veiligen
-afstand te volgen.
-
-Zooals Raffles wel vermoed had, werden de beide gevangenen naar een der
-gevangenissen van Caïro overgebracht en men kon slechts hopen, dat dit
-gebouw stevig en veilig genoeg zou blijken om den Meester iedere poging
-tot ontvluchting onmogelijk te maken.
-
-Pas toen de deuren met een hoog geluid achter de politieauto waren
-dicht gevallen dacht Raffles er aan een welverdiende nachtrust te gaan
-genieten, want het was hem bekend, dat men pas over twee dagen den
-verdachte naar Londen zou brengen, omdat er niet voor dien tijd een
-schip vertrok dat regelrecht op een Indische haven voer, en alleen
-Brindisi, Genua en Bordeaux aandeed.
-
-Henderson kreeg dus bevel naar het Hotel des Anglais te rijden. Toen de
-auto weder in beweging kwam, dook er een Inlander uit de schaduw van de
-gevangenis op, die dreigend de vuist tegen het gebouw schudde en zich
-daarop snel als een wezel en even onhoorbaar verwijderde....
-
-Deze man was een bloedverwant van Ibrahim Dhâr en het toeval, het
-noodlot misschien had hem dien nacht laat in de buurt van de gevangenis
-gebracht en hij had niet alleen zijn verwant, maar ook den Meester
-herkend, toen deze in de politieauto gezeten, geboeid en machteloos het
-gebouw waren binnen gebracht....
-
-Toen Raffles in den loop van den volgenden middag een der plaatselijke
-bladen opsloeg en er eenigen tijd in gelezen had, met Charly Brand in
-de conversatiezaal van het groote hotel gezeten, trok zijn voorhoofd
-zich in rimpels en hij schudde mismoedig het hoofd, toen hij zeide:
-
-„Ze schijnen toch onverbeterlijk te zijn. Het is merkwaardig dat de
-politie letterlijk geen gelegenheid laat gaan, om haar mond voorbij te
-praten.”
-
-„Heeft zij het aan het pers medegedeeld?” vroeg Charly.
-
-„In geuren en kleuren. Zoo uitgebreid als maar mogelijk is en wij
-zouden de Engelsche pers niet moeten kennen, om aanstonds te beseffen,
-dat die heeren verslaggevers zich niet tevreden hebben gesteld met deze
-inlichtingen, maar dadelijk hun fantasie aan het werk hebben gezet en
-aldus de zaak een geheimzinnig tintje hebben gegeven, zonder welke de
-Engelsche krantenlezer het nu eenmaal niet schijnt te kunnen stellen.”
-
-„Wordt je naam er in genoemd?”
-
-„O, ja, herhaalde malen. Als ik tooneelspeler was, zou ik alle reden
-hebben om tevreden te zijn over mijn kritiek.”
-
-„En wat denken de heeren van de Caïro Times over de arrestatie van
-Stanley.”
-
-„O, ook in dat opzicht heb ik geen reden tot klagen. Het blad twijfelt
-er geen seconde aan, of ik heb het bij het rechte eind gehad en die
-Irwin Stanley is wel degelijk de vierde Meester van het gevaarlijke
-genootschap, waarvan men hier al evenveel last schijnt te hebben als te
-Londen. Intusschen kan ik het nut van deze publiciteit niet inzien.
-Integendeel, ik acht het zeer schadelijk, want met iemand als Irwin
-Stanley en met een organisatie als die van den Gouden Sleutel kan men
-niet voorzichtig genoeg zijn, en moet men iedere kans vermijden, dat er
-pogingen in het werk zullen worden gesteld, om hem uit de gevangenis te
-bevrijden. Gelukkig dat het bericht pas hedenmiddag verscheen en dat de
-boot, de „Prince Albert”, reeds morgenochtend vroeg vertrekt.”
-
-„Vertrekken wij met hetzelfde schip?”
-
-„Ja.”
-
-„En onze duivel der lucht? De vliegmachine?”
-
-„Henderson zal het toestel wel alleen naar Londen terug brengen. Het is
-hem ten volle toevertrouwd.”
-
-Aldus werd gehandeld en op dienzelfden middag steeg de reus van het
-landingsterrein bij Caïro op, om eenige uren later bij Hendon veilig
-weer te dalen, het toestel te stallen en zich naar het huis in de
-Regentstreet te begeven.
-
-Raffles en Charly hadden intusschen door bemiddeling van de
-hoteldirectie passagebiljetten genomen aan boord van de „Prince
-Albert”, die den volgenden morgen om zeven uur in den ochtend zou
-vertrekken. Maar reeds om elf uur in den avond begaven zij zich aan
-boord, zooals werd toegestaan, zoodanig vermomd, dat er van een
-herkenning volstrekt geen sprake kon zijn, en met het doel goed acht te
-kunnen slaan op alles wat er aan boord gebeurde.
-
-Het was nog geen half uur later, of de groote politieauto kwam
-aanrijden en hield stil voor den langen steiger, waaraan de „Prince
-Albert” gemeerd lag.
-
-Vier agenten stegen uit, die een geboeid man omringden en zij herkenden
-hem onmiddellijk. Het was Irwin Stanley, die aan boord van het
-Engelsche schip gebracht werd.
-
-De kleine groep, voorafgegaan door den commissaris van politie, liep
-snel over den steiger en besteeg de loopplank naar het voordek, waarbij
-de gevangene stevig aan weerszijden werd vast gehouden.
-
-Aan het dek werd Stanley in ontvangst genomen door den eersten
-dekofficier, de noodige papieren werden ingevuld en gewisseld, en
-tenslotte verscheen nog een kleine man, met een grijze reispet op en in
-een lichtgele overjas, dat was Hudson, een detective van Scotland Yard,
-aan wien de taak was opgedragen den gevangene over te brengen.
-
-Stanley werd aanstonds naar het cachot gebracht, dat zich in het
-vooronder bevond en de detective overtuigde zich persoonlijk, dat de
-ijzeren deur goed sloot, dat het slot deugdelijk was, dat er geen
-sprake van kon zijn, door het kleine gat, dat met de buitenlucht
-correspondeerde te ontsnappen, daar het nauwelijks een hand breed was,
-en daarop schoof hij eigenhandig de twee zware grendels voor de deur,
-draaide de sleutels in het slot om en glimlachte tevreden.
-
-Dit alles was zeer snel geschied, maar toch niet zoo vlug of Raffles en
-Charly hadden het van het begin tot het einde kunnen volgen.
-
-Zij hadden zich aanstonds overtuigd van de ligging der cachotten aan
-boord van het schip, en zij wisten, waar men den gevaarlijken verdachte
-zou opsluiten.
-
-En nu bleef hen niets anders over, dan hun kajuit op te zoeken en
-vervolgens hun krib, om door een goede nachtrust de verloren schade in
-te halen.
-
-Maar het lichten van het anker, het lawaai dat de ketting over de
-gangspil veroorzaakte, deed hen weder ontwaken en zij namen haastig een
-bad, kleedden zich aan en begaven zich naar het dek.
-
-Het was een fraaie dag en de zon was reeds boven de kim gestegen.
-
-Het bleek hen al spoedig dat geen der reizigers iets afwist van de
-aanwezigheid van den gevangene aan de „Prince Albert”. Men was althans
-zoo verstandig geweest hieraan geen ruchtbaarheid te geven.
-
-Hudson liep kalm over het dek op en neer, met de handen op den rug
-gevouwen en het oog op den steiger gericht. Ook hij had een paar uren
-slaap genoten en zich aanstonds overtuigd, dat zijn arrestant nog
-altijd op dezelfde plaats zat, geboeid en wel was.
-
-Raffles en Charly gebruikten het ontbijt in de gemeenschappelijke
-eetzaal van de eerste klasse en toen zij weder aan dek kwamen, voer de
-„Prince Albert” reeds een der Nijlarmen af, om koers te zetten naar
-Alexandria, welke stad zij omstreeks één uur in den middag bereikten.
-
-Hier werd even aangelegd, om handelsartikelen en een paar reizigers aan
-boord te nemen en daarop stevende de „Prince Albert” de Middellandsche
-Zee in.
-
-Raffles en Charly maakten zich den tijd ten nutte door het geheele
-schip grondig te onderzoeken.
-
-Er waren ongeveer tachtig reizigers aan boord, over de drie klassen
-verdeeld, en zij poogden van al deze menschen het doel van hun reis,
-hun landaard, hun beroep en nog meer bijzonderheden te weten te komen.
-
-Dat was van de eerste klasse passagiers niet zoo moeilijk, van de
-tweede klasse reizigers reeds een weinig lastiger en bij de
-tusschendekspassagiers ging het in het geheel niet.
-
-Daaronder waren Inlanders, Kopten, Arabieren, Mediërs en Fellah’s, een
-zwijgend, in zichzelf gekeerd volkje, dat al heel weinig los liet en
-daarenboven de Engelsche taal niet, of zeer slecht scheen machtig te
-zijn.
-
-De bemanning van het schip bestond uit negentig koppen, alles
-inbegrepen. Van den kapitein tot de bruine en gele stokers toe, Hindoes
-en Chineezen, voor het meerendeel.
-
-Tenslotte wijdden Raffles en Charly hun aandacht aan de cachotten.
-
-Zij waren allen gelegen aan den eenen kant van de smalle gang, aan het
-einde waarvan zich de trap naar het voordek bevond.
-
-Het was streng verboden deze gang te betreden, ingeval er een gevangene
-vervoerd werd en bovendien stond er ditmaal een rechercheur met een
-geladen revolver in zijn zak op wacht.
-
-Toen Raffles dit alles had waargenomen schudde hij het hoofd en zeide:
-
-„Dat ziet er alles stevig genoeg uit en toch wilde ik maar, dat onze
-man goed en wel in de Londensche gevangenis zat, al kan ik werkelijk
-niet goed inzien, hoe hij uit dit cachot zou kunnen ontsnappen.
-
-„Tenminste, wanneer hij geen medeplichtigen aan boord heeft,” merkte
-Charly op.
-
-„Dat is het juist. Dat kan eenvoudig niet worden uitgemaakt. Het is
-natuurlijk wel mogelijk, dat er nog na gistermiddag, toen de bladen het
-bericht brachten van de arrestatie nieuwe passagiers aan boord zijn
-gekomen. Wij zullen het in ieder geval eens onderzoeken.”
-
-Aldus werd gedaan, maar het resultaat kon niet anders dan
-geruststellend heeten.
-
-Er hadden zich sedert de publicatie van het bericht inderdaad nog vijf
-passagiers aangemeld, maar de kapitein kende hen allen reeds vele jaren
-als trouwe bezoekers van het zonnige zuiden, op wie zelfs de schijn
-eener verdenking, als zouden zij met een man als Stanley in verbinding
-staan, geen seconde kon blijven rusten.
-
-Intusschen zette de „Prince Albert” haar reis onverdroten voort en
-tegen den avond van den derden dag kwam Genua in zicht.
-
-Het was tien uur en de zee was zoo glad als een spiegel.
-
-De lichten van de stad werden langzamerhand duidelijker en zelfs in de
-duisternis kon men ontwaren hoe Genua als het ware ligt aangevlijd
-tegen de helling van het gebergte waarop het gebouwd is.
-
-Raffles en Charly stonden over de verschansing geleund en genoten van
-den heerlijken avond, ofschoon het hier al heel wat kouder was, dan in
-het zonnige Caïro.
-
-Maar plotseling, toen de „Prince Albert” reeds vaart verminderde, zagen
-de beide mannen tegelijk een donkere gedaante over het dek snellen en
-het volgende oogenblik over de verschansing verdwijnen.
-
-Er liet zich een plons hooren en daarop riep iemand van de bemanning:
-
-„Man overboord.”
-
-In een oogwenk was alles in rep en roer.
-
-Raffles en Charly waren over het dek gesneld in de richting, waar zij
-de gedaante hadden zien verdwijnen.
-
-De kapitein kwam opgewonden toesnellen en de eerste officier had
-aanstonds bevel gegeven, een der booten te strijken.
-
-Maar er scheen iets niet in orde te zijn met de davits, want de sloep
-weigerde en bleef op dezelfde plek hangen, toen zij reeds buiten boord
-was gedraaid.
-
-Omdat er een kostbare tijd dreigde te verloopen, werd bevel gegeven een
-tweede boot uit te zetten, maar hier deed zich hetzelfde voor—de
-katrollen zaten vast en de boot kon niet worden gestreken.
-
-Raffles had dit alles met een gefronst voorhoofd gadegeslagen en nu
-riep hij met stentorstem boven het geschreeuw der zenuwachtige
-passagiers uit:
-
-„Ik zou maar eens eerst naar de cachotten gaan omzien, alvorens mij met
-dien drenkeling te bemoeien—ik vermoed dat de man wel goed kan zwemmen,
-die daar in het water ligt!”
-
-Onmiddellijk snelde de tweede stuurman naar het vooronder, hij was nog
-nauwelijks de trap geheel ten einde geloopen, of hij begreep reeds dat
-de man die zooeven de waarschuwing geroepen had, gelijk had gehad....
-
-De deur van het cachot stond open, en niet ver daar vandaan, in een
-groote plas bloed, lag het lichaam van den ongelukkigen Hudson, en in
-zijn zijde stak een van de vreeselijke kromme dolken, zooals de Fellahs
-ze in hun gordels plegen te dragen.
-
-De man was zeer zwaar gewond, en onmiddellijk moest de scheepsdokter
-zijn zorgen aan hem wijden.
-
-Het onderzoek van de deur wees uit, dat het slot met een gewonen
-sleutel van binnen geopend moest zijn, en daar de grendels volstrekt
-niet beschadigd waren was het duidelijk dat zij door medeplichtigen
-waren terug geschoven, die waarschijnlijk ook den detective
-onschadelijk gemaakt had, toen deze op zijn ronde was.
-
-Dezelfde man had ook den gevangene een vijl in handen weten te spelen,
-want men vond de doorgevijlde boeien in het vertrek terug, en hij was
-het zeker ook geweest, die het mechaniek onklaar had gemaakt, waarmede
-men de reddingsbooten kon uitzetten.
-
-Er gingen ruim tien minuten voorbij, alvorens men er in slaagde na de
-ontdekking van de ontvluchting een der booten te water te laten, die
-met acht koppen bemand werd, en die de zee in alle richtingen begon te
-doorzoeken.
-
-Men had een radiogram van boord naar Genua willen zenden, maar ook dit
-was onmogelijk gebleken, daar het toestel weigerde te werken—er was een
-onderdeel van vernield.
-
-Een paar uur later keerde de roeiboot terug onverrichter zake, zij had
-geen spoor van den vluchteling kunnen ontdekken, die
-hoogstwaarschijnlijk was opgenomen door een motorvlet, gereed gehouden
-door bij voorbaat gewaarschuwde medeplichtigen in de haven van Genua.
-
-Toen Raffles en Charly dezen uitslag vernamen, keken zij elkander
-zwijgend aan en de Gentleman-Inbreker zeide:
-
-„Ziedaar het resultaat van voorbarige publicatie! Nu, het zou dwaas
-zijn, als oude wijven te jeremieeren over zaken, die toch geen keer
-nemen. Iets hebben wij er althans mee gewonnen. Stanley zal het
-voortaan niet meer mogelijk zijn, zijn vroeger leven te hervatten—ik
-betwijfel of, na alles wat er geschied is, er wel een Londenaar te
-vinden zou zijn, idioot genoeg om aan een zaakwaarnemer als dezen zijn
-belangen toe te vertrouwen!”
-
-
-
-
-
-*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 0390: ELEONORE
-MANOURY ***
-
-Updated editions will replace the previous one--the old editions will
-be renamed.
-
-Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright
-law means that no one owns a United States copyright in these works,
-so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the
-United States without permission and without paying copyright
-royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part
-of this license, apply to copying and distributing Project
-Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm
-concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark,
-and may not be used if you charge for an eBook, except by following
-the terms of the trademark license, including paying royalties for use
-of the Project Gutenberg trademark. If you do not charge anything for
-copies of this eBook, complying with the trademark license is very
-easy. You may use this eBook for nearly any purpose such as creation
-of derivative works, reports, performances and research. Project
-Gutenberg eBooks may be modified and printed and given away--you may
-do practically ANYTHING in the United States with eBooks not protected
-by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the trademark
-license, especially commercial redistribution.
-
-START: FULL LICENSE
-
-THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
-PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
-
-To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
-distribution of electronic works, by using or distributing this work
-(or any other work associated in any way with the phrase "Project
-Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full
-Project Gutenberg-tm License available with this file or online at
-www.gutenberg.org/license.
-
-Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project
-Gutenberg-tm electronic works
-
-1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
-electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
-and accept all the terms of this license and intellectual property
-(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
-the terms of this agreement, you must cease using and return or
-destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your
-possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a
-Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound
-by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the
-person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph
-1.E.8.
-
-1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
-used on or associated in any way with an electronic work by people who
-agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
-things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
-even without complying with the full terms of this agreement. See
-paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
-Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this
-agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm
-electronic works. See paragraph 1.E below.
-
-1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the
-Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection
-of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual
-works in the collection are in the public domain in the United
-States. If an individual work is unprotected by copyright law in the
-United States and you are located in the United States, we do not
-claim a right to prevent you from copying, distributing, performing,
-displaying or creating derivative works based on the work as long as
-all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope
-that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting
-free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm
-works in compliance with the terms of this agreement for keeping the
-Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily
-comply with the terms of this agreement by keeping this work in the
-same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when
-you share it without charge with others.
-
-1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
-what you can do with this work. Copyright laws in most countries are
-in a constant state of change. If you are outside the United States,
-check the laws of your country in addition to the terms of this
-agreement before downloading, copying, displaying, performing,
-distributing or creating derivative works based on this work or any
-other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no
-representations concerning the copyright status of any work in any
-country other than the United States.
-
-1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
-
-1.E.1. The following sentence, with active links to, or other
-immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear
-prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work
-on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the
-phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed,
-performed, viewed, copied or distributed:
-
- This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and
- most other parts of the world at no cost and with almost no
- restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it
- under the terms of the Project Gutenberg License included with this
- eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the
- United States, you will have to check the laws of the country where
- you are located before using this eBook.
-
-1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is
-derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not
-contain a notice indicating that it is posted with permission of the
-copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in
-the United States without paying any fees or charges. If you are
-redistributing or providing access to a work with the phrase "Project
-Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply
-either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or
-obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm
-trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
-with the permission of the copyright holder, your use and distribution
-must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any
-additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms
-will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works
-posted with the permission of the copyright holder found at the
-beginning of this work.
-
-1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
-License terms from this work, or any files containing a part of this
-work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
-
-1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
-electronic work, or any part of this electronic work, without
-prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
-active links or immediate access to the full terms of the Project
-Gutenberg-tm License.
-
-1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
-compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including
-any word processing or hypertext form. However, if you provide access
-to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format
-other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official
-version posted on the official Project Gutenberg-tm website
-(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense
-to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means
-of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain
-Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the
-full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1.
-
-1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
-performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
-unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
-access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works
-provided that:
-
-* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
- the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
- you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed
- to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has
- agreed to donate royalties under this paragraph to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid
- within 60 days following each date on which you prepare (or are
- legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty
- payments should be clearly marked as such and sent to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in
- Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg
- Literary Archive Foundation."
-
-* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
- you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
- does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
- License. You must require such a user to return or destroy all
- copies of the works possessed in a physical medium and discontinue
- all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm
- works.
-
-* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of
- any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
- electronic work is discovered and reported to you within 90 days of
- receipt of the work.
-
-* You comply with all other terms of this agreement for free
- distribution of Project Gutenberg-tm works.
-
-1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project
-Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than
-are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing
-from the Project Gutenberg Literary Archive Foundation, the manager of
-the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the Foundation as set
-forth in Section 3 below.
-
-1.F.
-
-1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
-effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
-works not protected by U.S. copyright law in creating the Project
-Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm
-electronic works, and the medium on which they may be stored, may
-contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate
-or corrupt data, transcription errors, a copyright or other
-intellectual property infringement, a defective or damaged disk or
-other medium, a computer virus, or computer codes that damage or
-cannot be read by your equipment.
-
-1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
-of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
-Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
-Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
-liability to you for damages, costs and expenses, including legal
-fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
-LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
-PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
-TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
-LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
-INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
-DAMAGE.
-
-1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
-defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
-receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
-written explanation to the person you received the work from. If you
-received the work on a physical medium, you must return the medium
-with your written explanation. The person or entity that provided you
-with the defective work may elect to provide a replacement copy in
-lieu of a refund. If you received the work electronically, the person
-or entity providing it to you may choose to give you a second
-opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If
-the second copy is also defective, you may demand a refund in writing
-without further opportunities to fix the problem.
-
-1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
-in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO
-OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT
-LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
-
-1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
-warranties or the exclusion or limitation of certain types of
-damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement
-violates the law of the state applicable to this agreement, the
-agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or
-limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or
-unenforceability of any provision of this agreement shall not void the
-remaining provisions.
-
-1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
-trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
-providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in
-accordance with this agreement, and any volunteers associated with the
-production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm
-electronic works, harmless from all liability, costs and expenses,
-including legal fees, that arise directly or indirectly from any of
-the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this
-or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or
-additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any
-Defect you cause.
-
-Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
-
-Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
-electronic works in formats readable by the widest variety of
-computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It
-exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations
-from people in all walks of life.
-
-Volunteers and financial support to provide volunteers with the
-assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
-goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
-remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
-and permanent future for Project Gutenberg-tm and future
-generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see
-Sections 3 and 4 and the Foundation information page at
-www.gutenberg.org
-
-Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation
-
-The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non-profit
-501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
-state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
-Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
-number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by
-U.S. federal laws and your state's laws.
-
-The Foundation's business office is located at 809 North 1500 West,
-Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up
-to date contact information can be found at the Foundation's website
-and official page at www.gutenberg.org/contact
-
-Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
-Literary Archive Foundation
-
-Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without
-widespread public support and donations to carry out its mission of
-increasing the number of public domain and licensed works that can be
-freely distributed in machine-readable form accessible by the widest
-array of equipment including outdated equipment. Many small donations
-($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
-status with the IRS.
-
-The Foundation is committed to complying with the laws regulating
-charities and charitable donations in all 50 states of the United
-States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
-considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
-with these requirements. We do not solicit donations in locations
-where we have not received written confirmation of compliance. To SEND
-DONATIONS or determine the status of compliance for any particular
-state visit www.gutenberg.org/donate
-
-While we cannot and do not solicit contributions from states where we
-have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
-against accepting unsolicited donations from donors in such states who
-approach us with offers to donate.
-
-International donations are gratefully accepted, but we cannot make
-any statements concerning tax treatment of donations received from
-outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
-
-Please check the Project Gutenberg web pages for current donation
-methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
-ways including checks, online payments and credit card donations. To
-donate, please visit: www.gutenberg.org/donate
-
-Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works
-
-Professor Michael S. Hart was the originator of the Project
-Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be
-freely shared with anyone. For forty years, he produced and
-distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of
-volunteer support.
-
-Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
-editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in
-the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not
-necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper
-edition.
-
-Most people start at our website which has the main PG search
-facility: www.gutenberg.org
-
-This website includes information about Project Gutenberg-tm,
-including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
-subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.