diff options
Diffstat (limited to 'old/67868-0.txt')
| -rw-r--r-- | old/67868-0.txt | 3028 |
1 files changed, 0 insertions, 3028 deletions
diff --git a/old/67868-0.txt b/old/67868-0.txt deleted file mode 100644 index 6d9c3dc..0000000 --- a/old/67868-0.txt +++ /dev/null @@ -1,3028 +0,0 @@ -The Project Gutenberg eBook of Lord Lister No. 0390: Eleonore -Manoury, by Kurt Matull - -This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and -most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions -whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms -of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at -www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you -will have to check the laws of the country where you are located before -using this eBook. - -Title: Lord Lister No. 0390: Eleonore Manoury - -Authors: Kurt Matull - Theo Bakensee - Felix Hageman - -Release Date: April 18, 2022 [eBook #67868] - -Language: Dutch - -Produced by: The Online Distributed Proofreading Team at - https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg. - -*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 0390: -ELEONORE MANOURY *** - - - - - LORD LISTER - GENAAMD RAFFLES - DE GROOTE ONBEKENDE. - - NO. 390 ELEONORE MANOURY. - - - - - - - - -ELEONORE MANOURY. - - -EEN SLACHTOFFER VAN DEN MEESTER. - - -Het was omstreeks negen uur in den morgen van een schoonen winterdag, -in het begin van Februari, toen de reizigers, die zich op het dek -bevonden van een der fraaie stoombooten eener Fransche Maatschappij, de -„Société Maritime”, die onder meer den dienst van Marseille op Tunis -onderhoudt, elkander wezen op een klein punt aan den hemel, dat zich -zeer snel scheen te verplaatsen. - -Er viel bijna niet aan te twijfelen, of men had hier te doen met een -vliegmachine, maar eene, die zich op zeer groote hoogte, en met -duizelingwekkende snelheid voortbewoog. - -Zelfs met den besten kijker was het onmogelijk de onderdeelen van de -machine zoo dichtbij te halen, dat men ze kon onderscheiden, en omtrent -den landaard van de vliegmachine verkeerde men dus in het onzekere. - -En slechts enkele minuten, nadat men voor het eerst het vliegtoestel -had opgemerkt, viel er reeds niets meer van te bespeuren, en had het -zich in Zuidelijke richting verwijderd. - -De vliegmachine, die zich daar op een hoogte van omstreeks vijf duizend -meter voortbewoog met een snelheid, die iets meer dan vijf honderd -kilometers per uur bedroeg, dat wil zeggen ruim twee honderd kilometer -meer dan volgens de algemeene bekendheid de snelste Fransche machine -ooit had behaald, was van Engelschen oorsprong, en zij droeg op het -oogenblik drie mannen. - -Het vliegtuig was sierlijk gebouwd, niet groot, had slechts een -vleugeldek, en was naar het scheen geheel van aluminium vervaardigd, te -oordeelen naar den zwakken glans, als van dof zilver, die van het -vreemde toestel afstraalde. - -Het geleek nog het meest op een reusachtige libel, waarvan het -langgerekte lichaam gevormd werd door een buis van aluminium, waaraan -alle overige deelen waren bevestigd,—de draagvlakken, het roer, de -stabiliseeringsvlakken en ook een soort kajuit, die tevens den motor -bevatte, welke een vierbladige schroef met razende snelheid deed -rondwentelen. - -De drie mannen, die zich in deze kajuit bevonden, voor de helft -overdekt door een dak van micaplaten, dat naar behoefte voor- en -achteruit kon worden geschoven, juist als dit het geval is met de -koekoek aan boord van een schip, waren John Raffles, zijn -onafscheidelijke vriend Charly Brand en zijn trouwe chauffeur en -deelgenoot aan menig gevaarlijk avontuur, James Henderson. - -„De duivel der lucht,” zooals Raffles zijn vliegmachine gedoopt had, -die aan zijn eigen uitvindersgenie het ontstaan te danken had, was -dienzelfden morgen om kwart voor negen op het vliegveld van Hendon -opgestegen, en in vijf kwartier was hij dwars over Frankrijk en over -een gedeelte van de Middellandsche zee gevlogen. - -John Raffles zelf zat aan het stuurwiel, nu en dan een blik werpend op -het bord voor zich, waarop een snelheidsmeter, een hoogtemeter, een -horloge, een barometer, en nog verschillende andere voorwerpen -bevestigd waren, die hem moesten helpen, ten alle tijde te kunnen -bepalen, op welke hoogte hij zich bevond, en met welke snelheid hij -voortging. - -Naast hem, een weinig meer naar voren, was Charly Brand gezeten, van -wien op dit oogenblik weinig meer te zien viel dan het puntje van zijn -neus, zoo goed had hij zich ingestopt. - -Want ofschoon men zich snel zuidwaarts begaf, en beneden op aarde de -temperatuur zeer veel hooger zou zijn dan in Westelijk Europa, merkte -men daar op deze hoogte ver boven de sneeuwgrens al heel weinig van. - -Het was hier fel koud, en op zijn minst achttien graden onder nul. - -Charly Brand was bezig, voor iets warms te zorgen, zooals men dat -noemt. - -Dit lijkt op het eerste gehoor wellicht een weinig vreemd, en toch was -het volstrekt niets bijzonders—de „Duivel der lucht” werd namelijk -langs electrischen weg voortbewogen, en deze electriciteit moest tevens -de warmte verleenen aan een kleinen oven, waarop men binnen enkele -minuten water kon koken, waarin brood kon worden geroosterd—kortom, met -behulp waarvan men een zeer smakelijken maaltijd kon bereiden. - -De keuze van den jongen man was op een kop heete chocolade gevallen, -met een paar sneden geroosterd brood, en hij verrichtte de bezigheden, -die tot verkrijging van een en ander noodig waren, even rustig en -handig alsof hij zich op den beganen grond bevond. - -Deze chocolade werd gebruikt op ongeveer twintig mijlen ten Oosten van -Sicilië, en toen men de koppen geledigd had, was men al weer heel wat -verder, en kreeg Henderson door den kijker reeds het eiland Kreta in -het oog. - -Van dat oogenblik af liet Raffles de machine zuidelijker aanhouden, en -tevens verminderde hij de hoogte aanzienlijk, terwijl ook de vaart -eenigszins vertraagd werd—de Gentleman-Inbreker stond er volstrekt niet -op, dat men, wanneer het niet noodzakelijk was, de verbazende snelheid -ontdekte, welke zijn vliegmachine bereiken kon, al wist hij heel goed, -dat juist eenige zeer te vreezen vijanden daarvan maar al te goed op de -hoogte waren. - -Het was omstreeks elf uur, toen de kust van Afrika in het gezicht kwam, -ter hoogte van Alexandria, en een oogenblik later kwamen de schoone -Nijldelta’s in het gezichtsveld van den kijker. - -Een oogenblik kon men meenen, dat de vliegmachine bij Alexandria zou -dalen maar Raffles had slechts de hoogte een weinig verminderd, en -bleef nu koers zetten in zuidelijke richting. - -Hij volgde gedurende eenigen tijd een der voornaamste zeearmen van den -Nijl, vloog over Tanta, op een hoogte van ongeveer twee duizend meter, -en nog geen zeven minuten later, nadat hij de snelheid weer had -opgevoerd, kwam Caïro in het gezicht—aanvankelijk slechts te zien als -een schitterende witte vlek, te midden van het groen—want op deze -gezegende plek van den aardbodem was het op dit oogenblik reeds volop -zomer. - -De „Duivel der lucht” begon nu in groote, sierlijke spiralen te dalen -en bij elke zwenking omlaag werd de witte vlek grooter, maar tevens -moeilijker te overzien, de reizigers begonnen spoedig de verschillende -huizen van elkander te onderscheiden, om ze daarna geheel uit het oog -te verliezen, want Raffles had de vliegmachine doen dalen op het -daarvoor aangewezen landingsterrein, dat slechts weinige weken te voren -was ingericht en in gebruik genomen. - -Onmiddellijk kwamen uit het bureau de douane-beambten toeschieten, -teneinde hun taak te gaan vervullen. - -Maar Raffles was een man, die letterlijk alles scheen te hebben -voorzien. - -Hij reisde op dit oogenblik als Lord William Aberdeen, en onder dien -naam stond de vliegmachine ook ingeschreven, die naam stond ook op de -pas welke hij moest toonen. - -De douane-beambten klommen aan boord van het vliegtuig, teneinde te -speuren naar verboden invoerartikelen, of waarvan een hoog recht -geheven werd, maar dit was een bloote formaliteit—de naam van den -bekenden Londenschen philantroop scheen zelfs tot hier te zijn -doorgedrongen. - -Dat een van de beambten het geheim van den electrischen motor zou -ontdekken, behoefde Raffles niet te vreezen, want zelfs voor een -deskundige zou dit zoo goed als onmogelijk zijn geweest—het -machinegedeelte, waar het op aan kwam, was geheel omsloten door een -stevige aluminiumkast, teneinde het tegen onbescheiden blikken te -beveiligen. - -Nadat aan alle formaliteiten voldaan was, werd de vliegmachine naar een -van de loodsen gerold, en daar gestald, als men het zoo mag uitdrukken. - -De deuren werden gesloten, en aan Raffles werd de sleutel ter hand -gesteld. - -Toen pas verlieten de drie mannen, nadat zij hun zware pelsen hadden -afgedaan, die hun thans als lood wogen, het landingsterrein, hetwelk -was gelegen aan het einde van het tramlijntje, waarover electrische -wagens reden, ongeveer ieder kwartier een. - -De streek was hier weinig bebouwd, en slechts hier en daar verhieven -zich villa’s en „bungalows” van rijke Engelsche fabrikanten en Indiërs. - -Dicht bij den uitgang van het landingsterrein bevond zich een eenvoudig -wijnhuis, en Raffles stelde voor, daar rustig te wachten op de komst -van een tram, welke hen naar de stad zou voeren, die zij in de verte -zagen liggen. - -Het duurde niet lang of de drie mannen hadden ieder een glas landwijn -voor zich, en nu begon Charly na een blik om zich heen te hebben -geworpen op gedempten toon: - -„Geloof je nu, Raffles, dat je beschermelinge Eleonore Manoury -eindelijk veilig zou zijn?” - -„Ik kan met den besten wil niet inzien, Charly, waarvoor zij hier in -Caïro nog te vreezen zou kunnen hebben. Haar voormalige minnaar, Irwin -Stanley, de aanvoerder van het Genootschap van den Gouden Sleutel, kan -haar spoor onmogelijk gevolgd hebben.” - -Raffles zweeg even om een sigaret aan te steken, en vervolgde toen: - -„De jonge vrouw, die ik gelukkig uit zijn klauwen heb kunnen redden, -zal nu wel inzooverre genezen zijn, dat ik haar zonder eenig gevaar kan -vervoeren, naar welke stad zij ook verkiest. Maar stil—ik geloof dat -daar reeds onze tram aan komt—het wordt tijd, vrienden!” - -Hij betaalde, en de drie vrienden begaven zich naar het popperig kleine -tramwagentje, dat niet meer dan twintig passagiers kon bevatten, en dat -bestuurd werd door een inlander, in een witte uniform met vergulde -knoopen, een tulband op, en bloote voeten. - -Het voertuig bracht hen binnen twintig minuten tot op het voornaamste -plein van de stad, niet ver verwijderd van het beroemde Hotel des -Anglais, waar bijna alle toeristen pleegden samen te komen, en dat als -het ware het brandpunt is van het Westersch verkeer in deze schoone -stad. - -Het groote terras was tot het laatste toe bezet met toeristen, -voornamelijk Engelschen en Amerikanen, die genoten van het bonte -schouwspel dat zich aan hun blikken bood. - -Inlandsche kooplieden van verschillende stammen, Soedaneezen, -Arabieren, Kabijlen, Nubiërs, maar ook bewoners uit Perzië, -Beloedsjistan, den beneden Nijl en nog verder, die met een karavaan -naar de belangrijkste stad van dit gedeelte van Afrika waren gekomen, -verdrongen zich op het breede plein, zoo dicht mogelijk in de buurt der -balustrade, welke het terras afsloot, en zelfs op de treden van de -marmeren trap, die daarheen voert, teneinde hun waren aan den man te -brengen. Prachtig gedreven koperwerk, shawls, met gouddraad doorstikt, -zijden stoffen, ivoren beeldjes, prachtige wapens, eigenaardige -staaltjes van pottenbakkerskunst en voorts bananen, druiven, zeer zoete -peren, dadels en vijgen. - -Raffles en zijn beide tochtgenooten, die hier reeds meermalen geweest -waren, keken eenige oogenblikken naar het steeds aantrekkelijk -schouwspel, en richtten vervolgens hun schreden naar een breede laan, -aan weerszijden met een dubbele rij platanen begroeid, waaraan, telkens -gescheiden door een open ruimte, verscheidene groote, voor het -meerendeels schitterend wit gepleisterde, of uit witte steen -opgetrokken gebouwen lagen. - -Daar vond men onder andere de officiëele woning van den Khedive of -Onderkoning, het parlementsgebouw, het Paleis van Justitie, het -Sanatorium, een aantal groote koffiehuizen en ook een pasgebouwd, fraai -ziekenhuis. - -Dit is de boulevard Mehemet-Ali, die in het jaar 1889 werd aangelegd, -twee kilometer lang is, en verderop ook voert door den doolhof van -nauwe slopjes en stegen der Arabiersche buurt. - -Raffles bleef hier een oogenblik staan, en zeide toen tot Charly Brand: - -„Het is geloof ik het beste, als ik maar alleen naar binnen ga, het is -niet noodig, dat men ons zooveel samen ziet. Over een half uur denk ik -weer terug te zijn. Daarginds schijnt mij een goed koffiehuis te -zijn—daar kun je op mij wachten!” - -En met deze woorden verwijderde Raffles zich, en ging het hek door, -hetwelk het ziekenhuis omsloot. - -De breede deuren stonden open en hij kon binnen gaan, zonder eerst te -moeten aanbellen. - -Aanstonds trad hem een verpleegster tegemoet, die hem dadelijk scheen -te herkennen, want zij vroeg glimlachend: - -„Gij komt zeker eens omzien naar de dame, die gij een week geleden hier -hebt gebracht, mijnheer Brown?” - -„Zoo is het, zuster! Ik hoop dat zij het goed maakt?” - -„Zij gaat met reuzeschreden vooruit, mijnheer! Zij praat vaak over -u—zij schijnt u zeer dankbaar te zijn!” - -Raffles mompelde iets dat onverstaanbaar was, en hernam toen luid: - -„Zou ik haar op het oogenblik kunnen zien?” - -„Het officiëele bezoekuur is eigenlijk nog niet aangebroken, mijnheer -Brown, maar ik weet dat de directeur voor u een uitzondering zal maken, -omdat gij heelemaal uit Londen zijt gekomen! Wees zoo goed mij even te -volgen.” - -De verpleegster ging Raffles voor over de prachtige marmeren trap naar -een breede gang op de eerste verdieping, waaraan de kamers voor de -afzonderlijk verpleegde patiënten gelegen waren. - -Zij opende voorzichtig een deur, keek om het hoekje, wendde zich naar -Raffles om, en zeide glimlachend: - -„Uw beschermelinge is wakker, mijnheer Brown—gij kunt binnentreden!” - -Raffles trad de ziekenkamer binnen, helder verlicht door de -zonnestralen, die door het breede raam naar binnen drongen, en zachtjes -deed de verpleegster de deur weder dicht. - -In het breede witte bed, dat juist tegenover het raam stond, lag een -jonge vrouw, die zich bij het binnentreden van den bezoeker op een -elleboog had opgericht, en met een gebaar van groote vreugde de hand -naar hem uitstak, terwijl er een blos opsteeg in haar wangen. - -„Hoe heerlijk, dat gij gekomen zijt, Raffles!” fluisterde zij zachtjes. - -„Gij zult mij nu spoedig weder meenemen, nietwaar? Ik gevoel mij hier -zoo eenzaam en ik ben bevreesd!” - -Raffles had een stoel genomen, en voor het bed geschoven, maar nu keek -hij de jonge vrouw verwonderd aan, en herhaalde: - -„Bevreesd? Waarom zoudt gij bevreesd zijn? Gij hebt hier immers niets -te duchten? Ik heb u onder een anderen naam laten opnemen—niemand kan -weten dat gij hier zijt, en die schurk van een Stanley kan uw spoor -onmogelijk hebben teruggevonden!” - -„Toch ben ik bang!” hernam Eleonore Manoury met een schuwen blik naar -het raam. „Gisterennacht is er iets gebeurd—iets wat mij groote vrees -heeft aangejaagd! Ik kon den slaap niet vatten—ik dacht ergens over -na—iets wat mij niet uit den zin wilde—en eensklaps zag ik schaduwen -bewegen aan de buitenzijde van het raam—de maan scheen op het lancaster -rolgordijn, en ik kon ze duidelijk zien!” - -„Gij zult het u verbeeld hebben! Of het kunnen de toppen geweest zijn -van de palmboomen, die in den tuin staan!” - -„Neen—neen—het waren de boomen niet!” hernam de jonge vrouw opgewonden. -„Het was de gestalte van een man!” - -Raffles schudde het hoofd, en kwam: - -„Ik kan mij volstrekt niet voorstellen, hoe zooiets mogelijk zou zijn! -Wat hebt gij gedaan toen gij het zaagt?” - -„Ik wilde om hulp roepen, maar ik vreesde wel wat, mij belachelijk te -maken, en ik durfde toch ook niet te gaan zien wat het was. Ik -verbeeldde mij dat ik een krassend geluid hoorde aan het raam, en toen -wilde ik juist een gil slaken—maar op hetzelfde oogenblik verdween de -schaduw snel, ik hoorde beneden in den tuin het grint kraken onder -voetstappen, die zich snel verwijderden—en toen was alles voorbij!” - -Zonder te antwoordden stond Raffles op, trad op het venster toe, trok -het rolgordijn hoog op en sloeg de beide helften van het raam open. - -Hij bukte zich voorover, en onderzocht zeer nauwkeurig de vensterbank. - -Daarna bekeek hij de deurramen aan den buitenkant—en toen hij het -venster langzaam sloot en naar het bed terugkeerde, had zijn gelaat een -ernstige uitdrukking. - -„Ik zal zoo spoedig mogelijk u hier komen weghalen!” zeide hij. „Ik -geloof inderdaad dat het beter zal zijn!” - -„Gij geeft dus toe dat ik het mij niet verbeeld heb?” riep Eleonore -Manoury uit. - -„Ik geloof inderdaad, dat vannacht iemand aan den buitenkant van het -raam gemorreld heeft, en waarschijnlijk de vlucht heeft genomen op het -een of ander verdacht geluid!” - -„Ik wist het wel!” hernam Eleonore Manoury, terwijl zij zich achterover -in de kussens liet vallen. „Nooit zal ik voor dien ellendeling meer -veilig zijn—nooit en nergens!” - - - - - - - - -VEILIGHEIDSMAATREGELEN. - - -Een oogenblik bleef het stil in het vertrek. - -Raffles scheen in diepe gedachten verzonken te zijn. - -Toen hernam hij: - -„Kunt gij u zelf niet voorstellen, hoe het mogelijk is, dat men uw -spoor heeft hervonden, ofschoon ik u acht dagen geleden met mijn -vliegmachine hierheen gebracht heb, en terwijl het volstrekt onmogelijk -is, dat men ons op dien tocht door het luchtruim gevolgd is?” - -In plaats onmiddellijk te antwoorden begroef de jonge vrouw het gelaat -in de kussens, en barstte in snikken uit. - -Haar geheel verleden van de laatste maanden ging aan haar geest -voorbij. - -Met wanhoop in het hart herdacht zij het oogenblik, waarop zij in de -macht raakte van Irwin Stanley, die juist gekozen was tot -aanvoerder,—Meester was zijn titel—van een machtige -misdadigersorganisatie. - -Deze bond, waarbij een groot aantal der voornaamste misdadigersbenden -van het Europeesche vasteland en van de Nieuwe Wereld waren -aangesloten, benevens eenige zeer gevaarlijke benden in Engelsch-Indië, -o.a. die van de vreeselijke Thugs of Worgers, heette het „Genootschap -van den Gouden Sleutel”, en de man die er van aan het hoofd stond, was -met bijna onbeperkte macht over de leden van deze organisatie bekleed. - -Alleen in gevallen van verraad sprak een raad van zeven leden, de -zoogenaamde Bloedraad, recht, maar dat sloot voor den Meester volstrekt -niet de bevoegdheid uit, om, waar en wanneer het hem goed dacht, een -persoonlijke vete te te beslechten. - -Irwin Stanley, die in het dagelijksche leven de rol speelde van een -eerwaardig zaakwaarnemer, was reeds lang in het geheim een lid van het -Genootschap geweest—en hij was er gevreesd en bewonderd om zijn -sluwheid, zijn stoutmoedigheid, en zijn volkomen gemis aan alles wat op -een geweten geleek. - -Hij had reeds twee moorden op zijn geweten, en toen de derde Meester -van het Genootschap, Dr. Fox, door toedoen van John Raffles, die ook de -beide vorigen had weten te verdelgen, het leven had gelaten, koos de -Algemeene Vergadering van afgevaardigden hem met bijna algemeene -stemmen tot zijn opvolger. - -Eleonore Manoury was ter kwader ure de minnares van dezen man geworden, -nog onkundig wat hij bedreven had—en daar zij zelve eenigen tijd -geleden in staat van zelfverdediging een mensch had gedood, maakte de -schurk hiervan misbruik, door haar met aangifte bij de politie te -bedreigen, wanneer zij niet volgens zijn bevelen handelde. - -De jonge, schoone vrouw had vervolgens deel genomen aan eenige -gevaarvolle ondernemingen der bende, voornamelijk inbraken—en zij wist -dat zij ijverig door de politie werd gezocht! - -Toen kwam het tijdstip in haar leven, dat er een algeheele ommekeer in -zou brengen. - -Raffles scheen op het spoor te zijn gekomen van Irwin Stanley, toen -deze nog nauwelijks eenige maanden aan het hoofd van het Genootschap -stond, en bijna onmiddellijk was er een felle strijd tusschen de beide -mannen ontstaan. - -Bij hun tweede treffen, in het huis van Irwin Stanley, een oud en groot -gebouw in de Kappel Street te Londen, was Eleonore Manoury, die door de -woordenwisseling in het oudste gedeelte van het huis, waar zij -opgesloten werd gehouden, onzichtbaar voor de wereld, gewekt, Raffles -ter hulp gesneld, juist toen zijn doodsvijand op het punt had gestaan, -Raffles door een even verraderlijken als moorddadigen steek te dooden. - -Maar de schurk zon op wraak, en juist toen Raffles met de vrouw, die -zijn leven gered had, het huis wilde verlaten, dat hem bijna noodlottig -was geworden, kwam de booswicht weder opdagen, en trof de ongelukkige -vrouw van uit een hinderlaag met een revolverschot in de borst. - -En nog zou de zaak wellicht tragisch voor Raffles zijn afgeloopen, -wanneer Henderson niet als hulp was komen opdagen, die Stanley een -zwaren stoel naar het hoofd wierp, juist toen deze voor den tweeden -keer, thans op Raffles wilde vuren. - -De Gentleman-Inbreker en de vrouw, die voortaan zijn bescherming zou -genieten, waren gered—maar Stanley was op het laatste oogenblik -spoorloos verdwenen. - -Zijn huis bleek nog meer geheimen te bezitten, dan Raffles wel verwacht -had. - -Eleonore liet vervolgens snel alles aan haar geest voorbij gaan, wat er -sindsdien was geschied—de overbrenging naar een eenzaam gelegen -landhuis, dicht bij Londen, haar ontdekking daar, door den speurhond -van een der leden van de bende, de nachtelijke overval van drie -bandieten, op bevel van Stanley, en met het doel deze lastige getuige -en medeweetster van zijn geheim te dooden, maar die door Raffles en -zijn vriend verijdeld werd, haar overbrenging naar Londen, en naar het -huis van een zekeren Brown, onder welken naam Raffles een klein huis in -de Victoria Street bezat, en ten slotte de vernieuwde poging van -Stanley, om de gewonde vrouw daar van het leven te berooven, nadat de -speurhond ten tweede male haar spoor had teruggevonden, de vlucht door -de onderaardsche tunnel, en ten slotte haar overbrenging met de -vliegmachine van John Raffles naar Caïro, waar hij haar onder een -valschen naam had laten opnemen in het beste ziekenhuis, hetwelk deze -stad met zijn zeven honderd duizend inwoners rijk was. - -Dit alles was vliegensvlug, als ware het een snel voorbijglijdende film -aan haar herinneringen voorbij gegaan—en zij vergat ook het gevoel van -warme vriendschap niet, dat haar voor John Raffles was gaan bezielen, -en dat op het punt stond, alle andere gevoelens in haar ter zijde te -dringen. - -En nu pas viel het haar ook in, dat zij nog niet geantwoord had op de -vraag van den Grooten Onbekende. - -Zij wenkte hem, om dicht bij het bed te komen, en zeide op gedempten -toon als vreesde zij dat andere ooren het zouden kunnen hooren: - -„Ik vrees u een teleurstelling te moeten bereiden, Raffles—maar ik -geloof dat iedere andere stad dan juist Caïro voor mij veiliger zou -zijn geweest.” - -„Waarom?” - -„Ik heb hier eenige maanden achtereen met Stanley geleefd, en in dien -tijd kregen wij herhaaldelijk bezoek van leden der bende, waaraan ik nu -niet zonder walging en afschuw kan terugdenken. Er waren blanken en -inlanders onder.” - -„Welnu?” - -„Zij allen kenden mij heel goed—en ik voor mij ben er zeker van, dat -Stanley onmiddellijk, nadat gij mij uit zijn huis hadt weggevoerd, naar -alle plaatsen, waar het Genootschap van den Gouden Sleutel gehoorzaamd -en gevreesd wordt, het telegrafische en in geheime taal gestelde bevel -gezonden heeft, om naar mij uit te zien—want hij kende zeer goed de -middelen, die u ten dienste staan: Wij hebben er herhaaldelijk over -gesproken, en hij werd altijd half dol van woede en drift, als hij -bedacht, dat de macht van een enkel man zoo aanzienlijk veel grooter -bleek te zijn, dan die van een geheele uitstekend georganiseerde bende! -Stanley weet dat gij een uiterst snelle vliegmachine bezit, dat gij een -duikboot van uw eigen vinding hebt vervaardigd, veel sneller dan eenig -tot dusverre bekend vaartuig van dien aard, hij weet dat gij op -verschillende punten van den aardbodem aanzienlijke schatten verborgen -hebt, en ten slotte is het hem bekend, dat gij u weet te vermommen op -een wijze, waarbij vergeleken de verkleedpartijen van de detectives van -Scotland Yard erbarmelijk knoeiwerk is!” - -„Dus gij vreest....” - -„Ik moet wel vreezen, dat men mij hier herkend heeft!” - -„Maar hoe is dat mogelijk?” hernam Raffles. „Wij zijn in ieder geval -voor het aanbreken van den dag geland, niet ver van den straatweg van -Alexandria naar Caïro, en wij hebben u aanstonds met een daartoe -ontboden automobiel naar het ziekenhuis laten vervoeren. Hoe is het dan -denkbaar, dat men u gezien zou hebben?” - -„Dat kan ook niet, tenminste niet gedurende den rit—maar het noodlot -volgt soms grillige plannen—het is immers wel mogelijk, dat er in het -ziekenhuis een verpleegster was, die tot de bende behoorde, en die mij -herkend heeft—gij moet weten, dat men mij reeds een paar malen, toen -het heerlijk weer was, in een ziekenstoel naar den grooten tuin heeft -gereden, die zich achter het ziekenhuis uitstrekt, en waar zich -honderden andere verpleegden ophielden, die aan de beterende hand -waren, zooals ik!” - -Het gelaat van Raffles had een ernstige uitdrukking aangenomen. - -„Dat is leelijker!” zeide hij zachtjes. „Dan is het natuurlijk -volstrekt niet uitgesloten, dat het toeval hier de hand in het spel -heeft gehad, en dat hier een van die kerels, die u vroeger gekend -hebben, verpleegd werd!” - -Hij zweeg even, en vervolgde toen, met gebogen hoofd: - -„Ik moet u mijn verontschuldiging aanbieden, Madame! Naar het schijnt -breng ik u louter ongeluk aan, en wien zou dat ook verwonderen? Om -mijnentwille zijt gij zwaar gewond, en weer om mijnentwille heb ik u -dagen achtereen, in den toestand waarin gij u bevindt, zware -vermoeienissen laten doorstaan.” - -„Maar dat was toch om mij te redden!” riep de jonge vrouw uit, terwijl -zij de hand van den Gentleman-Inbreker greep. - -„Een zonderlinge wijze van redden!” riep Raffles op schamperen toon. -„Ik breng u steeds in nieuwe verlegenheden, en in nieuw gevaar, dat is -de zaak!” - -„Zeg dat toch niet!” hernam Eleonore Manoury op smeekenden toon. „Gij -doet mij pijn! Gij hebt u in de laatste dagen om mijnentwege -herhaaldelijk in levensgevaar gesteld! Reeds zijn eenige van uw -kostbare geheimen bij Stanley bekend, en dat alleen door mijn schuld! -Wanneer ik er niet geweest was, zou die ellendige hond de schurken niet -op het spoor hebben gebracht. En gij kondet toch niet weten dat juist -in Caïro mijn noodlot mij zou achterhalen?” - -„Oho, Madame zoover zijn wij nog lang niet!” viel Raffles haar in de -rede. „Zeg mij eens, voelt gij u in staat spoedig dit ziekenhuis te -verlaten?” - -„Als het moest, zou ik desnoods over eenige uren kunnen vertrekken!” - -„Wat zeide de geneesheer?” - -„Die achtte het beter, dat ik nog een paar dagen hier bleef, maar hij -zeide mij vanmorgen, dat ik, als ik wilde, morgen de inrichting kon -verlaten!” - -„Daarbij blijft het dan!” hernam Raffles op vasten toon. „Wij mogen uw -gezondheid niet in de waagschaal stellen, uit vrees voor de -ellendelingen! Ik zal zelf vannacht de wacht houden, en ik verzeker u, -dat niemand het zal wagen, ook maar een vinger naar u uit te steken!” - -Eleonore drukte de hand van Raffles met kracht, en er lag een vochtige -glans in haar oogen, toen zij op gedempten toon zeide: - -„Ik wist immers wel, dat ik onder alle omstandigheden op u zou kunnen -rekenen! Ik weet ook dat ik misbruik van uw goedheid maak—maar ik smeek -u,—breng mij zoo spoedig mogelijk van hier! Ik ben bang in deze stad, -die vol is van vijanden, die zeker geen oogenblik zullen aarzelen, mij -te vermoorden, als Stanley hen daartoe het bevel heeft gegeven!” - -„Morgen reeds, Madame, kunt gij gaan waarheen gij wilt!” hernam -Raffles. - -„Ik dank u!” was alles wat de jonge vrouw zeide, en Raffles moest zich -afwenden, want in den blik van haar schoone oogen had hij een geheim -gelezen, dat hij niet wilde, en niet mocht kennen, indien hij niet -ontrouw wilde worden aan de zware taak, welke hij zich gesteld had—het -bijstaan van de zwakken en onderdrukten en het herstellen van onrecht, -tot iederen prijs, zelfs van diefstal!— — — - -Na eenige oogenblikken zeide hij op zakelijken toon: - -„Ik zal in ieder geval den directeur op het hart drukken, dat uw kamer -met de uiterste zorg moet worden bewaakt, door vertrouwbaar personeel, -zoodra de duisternis gevallen is. Wat den tuin aangaat—ik verzeker u, -dat men uw venster niet zal bereiken! En nu moet ik u verlaten, want ik -heb met mijn vrienden nog verschillende zaken te regelen—van middag -keer ik waarschijnlijk nog eens terug. Het verheugt mij, dat ik uw -toestand veel verbeterd vind. Niet ten onrechte noemt men Caïro een -Dorado voor longlijders en genezenden—juist daarom bracht ik u -hierheen!” - -„Zijt gij er waarlijk verheugd om, Raffles?” vroeg Eleonore op zachten -toon. - -„Denkt gij van niet, Madame?” - -„Ik weet het niet—ik— — —soms lijkt het mij toe, alsof uw gelaat van -marmer is! Ik kan er niets op lezen—geen sprankje van gevoel, niets dan -koude ernst en vastberadenheid, en toch weet ik, toch gevoel ik, dat uw -gemoed zacht en medelijdend is! Men bespot u onder de leden onzer bende -omdat gij het geld, dat gij— —dat gij— — —” - -„Dat ik steel, Madame!” - -„— — — — — het geld, dat gij van anderen afneemt, bijna aanstonds weder -uitgeeft om het te besteden aan doeleinden, waarom mijn vroegere -makkers slechts lachten! Maar ik weet wat er in u omgaat—en daarom -begrijp ik het niet, dat gij soms zoo trotsch, zoo koel, zoo -ongenaakbaar er kunt uitzien! Zeg mij eens John Raffles—hebt gij een -hart?” - -Raffles antwoordde niet aanstonds, maar staarde schijnbaar -gedachtenloos uit het raam naar beneden in den dicht beplanten tuin, -waar thans verscheidene zieken in rolwagentjes voorzichtig door -verpleegsters heen en weer gereden werden, ten einde te genieten van -den heerlijken zonneschijn. - -Toen wendde hij zich om, en antwoordde, terwijl zijn stem een harden -klank had: - -„Ik mag geen hart bezitten, Madame—behalve voor mijn ongelukkige, -verdrukte vrienden, voor hen die lijden, voor hen die onrechtvaardig -behandeld, bedrogen en mishandeld worden!” - -Eenigen tijd bleef het weder stil in het ziekenvertrek. - -Toen kwam het op heeschen toon over de lippen van Eleonore Manoury, -terwijl zij haar prachtige zwarte oogen strak op den man tegenover haar -gevestigd hield: - -„Heeft de liefde nooit een rol gespeeld in uw leven, John Raffles?” - -„O ja, Madame—menigmaal zelfs!” antwoordde Raffles op drogen toon. „Gij -ziet mij toch hoop ik niet aan voor een puritein, voor een Eunuch? -Denkt gij soms dat ik ongevoelig ben voor vrouwelijk schoon? Ik mag -alleen niet, en omdat ik niet mag, daarom wil ik ook niet! Later -misschien—later!” - -Eleonore Manoury gaf geen antwoord, maar liet zich met een zucht, die -als een klacht klonk, weder in de kussens terug vallen. - -Toen kwam het heel zacht over haar lippen, onhoorbaar voor den -Gentleman-Inbreker: - -„Later—later misschien!” - - - - - - - - -DE OVERVAL. - - -Nadat Raffles dien middag voor de tweede maal een bezoek had gebracht -aan Eleonore Manoury, en nog een en ander met haar besproken had, begaf -hij zich naar Charly en Henderson, die in het Hotel des Anglais op hen -zouden wachten, en nu pas deelde hij den beiden mannen mede, waarvoor -zijn beschermelinge vreesde. - -Charly Brand had met gefronste wenkbrauwen toegeluisterd, en bromde nu -half voor zich heen: - -„Het is dus nog niet uit! Die schurken zullen de arme vrouw van het -eene punt van den aardbol tot het andere achtervolgen!” - -„Nu overdrijf je wel een weinig, waarde Charly!” hernam Raffles -glimlachend. „Er zijn gelukkig nog heel wat plaatsen op onze schoone -aarde, waar Eleonore Manoury veilig zal zijn. Als zij maar eenmaal goed -en wel hier vandaan is!” - -„Waarschuw toch eenvoudig de politie, opdat die zich in hinderlaag kan -stellen en den kerel wie het dan zijn mag, bij de kladden neemt, om hem -zoo spoedig mogelijk te laten ophangen!” - -„Het laatste gedeelte van je programme heeft mijn volle sympathie, -Charly—maar het eerste zou ik in dezer voege willen wijzigen dat wij -zelf de rol van politieagenten vervullen! Bedenk dat Eleonore Manoury -in Caïro—een stad dus waar de Engelsche wetten geldig zijn—aan -hetzelfde gevaar bloot staat als te Londen, om dadelijk te worden -verraden, wanneer een van die schurken haar inderdaad herkent. Mocht -hij in handen van de politie vallen, dan zal hij geen seconde aarzelen, -om den waren naam te noemen van de vrouw, die in het ziekenhuis -verpleegd wordt—en dan zou al onze moeite vruchteloos zijn geweest!” - -„Daarin schuilt veel waars, Edward!” moest Charly toegeven. „Het wordt -dus vannacht weder een waakpartij?” - -„Er schiet niets anders op over, mijn jongen! Mocht het werk je echter -vermoeiend schijnen, dan zal niemand je beletten, den nacht in je -hotelkamer door te brengen.” - -Charly kreeg een kleur en stamelde: - -„Zoo heb ik het natuurlijk niet bedoeld, Edward! Ik stel me natuurlijk -geheel en al tot je beschikking—maar het wil mij voorkomen, dat mooie -Eleonore ons binnen een tijdverloop van nog geen week reeds heel wat -vermoeienissen en last heeft berokkend!” - -„Daarover mogen wij ons niet beklagen, Charly—bedenk dat zij een vrouw -is!” antwoordde Raffles eenvoudig. - -De drie mannen nuttigden het middagmaal op het terras, want het was -verrukkelijk weder, en te warm om binnen te zitten. - -Zooals gewoonlijk wilde Henderson zich reeds weer bescheiden -terugtrekken maar Raffles bracht hem aan het verstand, dat daar thans -geen sprake van kon zijn, want hij was nu slechts een helper, die een -ongelukkige vrouw moest helpen redden, en zeker niet de chauffeur van -Lord William Aberdeen. - -Zoolang het nog licht was, maakte men hiervan gebruik, om een wandeling -te maken in de naaste omgeving der stad, die zelfs aan den kant, waar -Caïro onmiddellijk aan de woestijn grenst, van een eigenaardige, -plechtige schoonheid is, en vervolgens toen de duisternis ging vallen, -slopen zij naar den tuin van het ziekenhuis, en wisten er ongemerkt -binnen te dringen. - -Raffles had zich van te voren goed op de hoogte gesteld van de ligging -van het ziekenvertrek, waar zijn beschermelinge terneder lag, en het -duurde niet lang of de drie mannen hadden zich in hinderlaag gelegd -achter een dicht begroeid boschje van Tamarindestruiken, vanwaar zij -niet alleen het bewuste raam maar den geheelen zijgevel van het -ziekenhuis konden overzien. - -Het was omstreeks half elf in den avond, toen zij deze schuilplaats -konden betrekken. - -De maan was weliswaar verborgen, maar de lucht was toch zoo helder, dat -de drie mannen de omgeving tamelijk goed konden overzien. - -Langzaam verstreken de uren, zonder dat zich iets bijzonders voordeed, -en reeds begon zich een gevoel van slaperigheid van Charly Brand -meester te maken waaraan hij nauwelijks weerstand kon bieden, en dat -misschien wel veroorzaakt werd door den zoo buitengewoon snellen -overgang van het ruwe Engelsche klimaat naar dit tropische land, waar -des daags een temperatuur heerschte, die niet ver van de vijf en -tachtig graden verwijderd was, en waar ook nu nog een lauwe warmte -tusschen de zwijgende, roerlooze boomen van den gasthuistuin hing, -terwijl de bedwelmende geur van de Tamarindebloesems de lucht vervulde. - -Maar juist toen hij meende dat zijn oogen zouden dichtvallen, voelde -hij de hand van Raffles zachtjes op zijn arm. - -Hij keek hem aan, en het was nog licht genoeg om te kunnen zien, dat -Raffles zijn oogen strak gevestigd hield op iets dat zich geruischloos -en langzaam scheen te bewegen aan den voet van den muur. - -Charly tuurde in de richting, welke Raffles hem met den vinger aan -wees, en nu begon hij een donkere gedaante te onderscheiden, die ergens -mede bezig was, waarvan hij de beteekenis niet aanstonds begreep, maar -welke hem spoedig genoeg duidelijk zou worden. - -Raffles gaf zijn metgezellen een teeken, en geruischloos slopen zij -langs de struiken tot zoo dicht mogelijk bij den zijgevel van het -groote witte gebouw, totdat er ternauwernood een afstand van tien meter -was tusschen de drie mannen en den man, en wel een inlander, dat was nu -duidelijk genoeg te zien! - -Raffles bracht zijn mond zoo dicht mogelijk bij het oor van Charly en -fluisterde hem in: - -„Het is een Fellah—kijk maar naar de wijze, waarop hij zijn lendendoek -draagt, en waarop zijn tulband geknoopt is.” - -Charly keek naar het donkerbruine lichaam, dat zich lenig als een slang -bewoog, en nu duidelijk afstak tegen den helderwitten muur. - -En nu zag hij ook, waarmede de Fellah bezig was. - -Hij had een zeer lang bamboeriet meegebracht, zeker niet veel korter -dan een meter of acht, en omstreeks een halve decimeter in doorsnede, -zooals ze wel gebruikt worden door de Inlandsche kunstemakers, die er -vaak halsbrekende toeren mede verrichten aldus, de een het riet op zijn -schouder balanceert, terwijl de tweede er inklimt, en heel in den top, -die van een lus van rotan is voorzien, zijn kunsten verricht. - -Waarschijnlijk had de man reeds den vorigen nacht dezen klimpaal bij -zich gehad, en hem in den tuin weten te bergen, met het doel om hem, -wanneer de gelegenheid gunstig was, opnieuw te gebruiken. - -Hij zette nu het lange bamboeriet behendig overeind, en plaatste het -uiteinde in den hoek, dien de uitspringende vensterbank van het raam op -de eerste verdieping, dat bij de ziekenkamer van Eleonore Manoury -gelegen was, met den muur maakte, zoodat het stevig vast stond, en -daarop maakte hij zich gereed vlug als een aap naar boven te klauteren. - -Maar Raffles liet hem geen gelegenheid, hooger dan een meter van den -grond te komen. - -Een kort gefluisterd bevel—en de drie mannen stormden voorwaarts. - -Raffles greep den Fellah bij de naakte, bruine beenen, en trok hem met -een ruk weder naar beneden. - -De man, glad als een aal, lenig als een riet, en blijkbaar met groote -lichaamskracht begiftigd, was in een oogwenk weder overeind, en trok -met een snelle beweging den krommen dolk met het breede, vlijmscherp -geslepen lemmet, die in zijn gordel stak. - -Maar voor hij van het wapen gebruik kon maken, had Raffles hem een -kaakslag toegebracht, die den Inlander als een aangeschoten haas om en -om deed buitelen en hem neervelde, waarbij hij met het gelaat tegen den -grond gedrukt bleef liggen. - -Henderson was met een paar stappen bij hem, en het kostte hem moeite -het vreeselijke wapen los te wringen uit de krampachtig gesloten hand -van den Fellah. - -Juist was hij hierin geslaagd, toen de Inlander weder tot zich zelf -kwam. - -Maar zoodra hij zag, dat hij ontwapend was, en door drie mannen was -omringd, die hunne revolvers op hem gericht hielden, scheen hij zich in -zijn lot te schikken, ofschoon zijn zwarte oogen van woeste wraakzucht -gloeiden. - -„Boeit hem stevig!” beval Raffles op gedempten toon. „Wij hebben met -een zeer gevaarlijk sinjeur te doen. Een tijger ziet er, naar ik meen, -nog zachtmoediger uit, vergeleken bij dit bruine heerschap!” - -En terwijl Raffles den Fellah den loop van zijn geweer tusschen de -ribben duwde, maakte Charly zijn handen stevig op zijn rug vast, en -bevestigde toen een dik touw vlug en handig aan zijn enkels, zoodat hij -wel kleine stappen zou kunnen nemen, maar dat het hem onmogelijk zou -zijn de vlucht te nemen. - -Hij wist hoe noodzakelijk deze voorzorgsmaatregel was, want het was hem -bekend, dat Fellahs verbazend vlugge loopers met ongelooflijk -uithoudingsvermogen zijn. - -De Fellah liet zijn blinkende tanden zien, en hij geleek nu waarlijk -wel iets op een tot woede geprikkeld luipaard—maar hij had tot dusver -nog geen enkel woord gesproken. - -Dit alles had nauwelijks eenige minuten geduurd, en in het ziekenhuis -was men blijkbaar geheel onkundig gebleven van het voorval, dat zich in -stilte had afgespeeld. - -Raffles keek zijn man eens goed aan, voorzoover de duisternis dit -toeliet, en vroeg toen: - -„Spreek je Engelsch, man?” - -De Fellah knikte. - -„Hoe is je naam?” - -„Ibrahim Dhâr!” antwoordde de Fellah kortaf met een diep keelgeluid -sprekend. - -„Wel mijnheer Ibrahim Dhâr, wilt gij mij zeggen, wat uw doel was, toen -gij u gereed maakte, met behulp van dat bamboeriet naar gindsch raam te -klauteren?” - -De Fellah zweeg, en keek Raffles met een somberen blik aan. - -„Gij wilt het niet zeggen?” herhaalde Raffles op dreigenden toon. „Dan -zal ik het voor u doen! Gij wildet de ongelukkige vrouw vermoorden, die -daar binnen ligt! En daartoe hebt gij stellig opdracht gekregen van — — -— den Meester! Ik zie dat gij schrikt—en dat is geen wonder, want ik -heb u doorzien nietwaar?” - -De Fellah haalde de schouders op—maar hij bleef het stilzwijgen -bewaren. - -„Nu die schurk van een Stanley weet zijn mannen goed te kiezen!” hernam -Raffles terwijl hij zich tot Charly Brand wendde. „Ik geloof dat men -dien bruinen duivel eerder in stukken zal kunnen snijden, dan dat hij -een woord zal loslaten.” - -De Fellah liet een trotsch, heesch lachje hooren, en zijn zwarte oogen -fonkelden triomfantelijk in zijn fanatiek, mager gezicht. - -Raffles beschouwde hem nog eenigen tijd, en hernam toen: - -„Wij zullen in ieder geval wel eens zien, of hij in die houding blijft -volharden!” - -Hij wendde zich weder tot den Inlander en vervolgde: - -„Gij moet weten, dat wij den tijd hebben, en zeer geduldig -zijn—geduldiger misschien dan gij thans wel denkt! Wij nemen u mede—en -zoodra Eleonore Manoury in veiligheid is gebracht, zal ik zoo vrij zijn -u aan de politie uit te leveren!” - -En voor het eerst opende de Inlander den mond om te spreken. - -„Als gij dat doet, Sahib, dan zal ik aan de politie zeggen, wie gij -zijt!” - -„Wie ik ben? Wilt gij mij wijsmaken, dat gij dat weet?” - -„Gij kunt niemand anders zijn dan de doodsvijand van den Meester!” -hernam Ibrahim Dhâr op woesten toon. „Gij moet John Raffles zijn!” - -De Groote Onbekende haalde minachtend de schouders op. - -„En gelooft gij soms, dat de politie ook maar een seconde zou willen -gelooven, wat een Inlander als gij haar zal mededeelen?” hernam hij -schamper. „Men zal u uitlachen, man! Misschien ware het anders, wanneer -men Eleonore Manoury nog in mijn gezelschap vond, maar ik zal wel -zorgen, dat zij in veiligheid wordt gebracht! Men zal u eenvoudig voor -krankzinnig verklaren—of liever men zal de schouders over u ophalen, en -meenen dat gij dronken zijt. Ibrahim Dhâr, ik ben geen seconde -bevreesd!” - -De Fellah klemde de lippen opéén en liet een schor geluid hooren, als -van een getergden hond. - -Klaarblijkelijk zag hij de waarheid in van hetgeen de vijand van zijn -heer en meester zooeven had verklaard—de getuigenis van een Inlander, -die bovendien nog heel nog wat met de politie te vereffenen had, zou -natuurlijk niet opwegen tegen die van den rijken Engelschen -vreemdeling, en hij zou er zijn zaak slechts door benadeelen. - -Daarentegen begreep de schrandere Fellah heel goed, dat hij, als -Raffles hem inderdaad een paar dagen vasthield, bezwaarlijk door de -rechtbank veroordeeld kon worden wegens den aanslag op Eleonore -Manoury, want de rechters zouden wel eens aan Raffles de vraag kunnen -stellen, waarom hij dan de zaak niet aanstonds had aangegeven, en -gewacht had tot de vrouw, op wier leven het gemunt was, het ziekenhuis -weder had verlaten. - -Raffles scheen te begrijpen wat er in het gemoed van den Inlander -omging, maar geen spier op zijn gelaat bewoog. - -Vroeg of laat zou de Fellah de straf voor zijn misdaden wel ontvangen, -en hij was er bijna zeker van, dat deze bruine bandiet, die lid bleek -te zijn van het Genootschap van den Gouden Sleutel, in ieder geval wel -zooveel op zijn kerfstok zou hebben, dat hij voor vele jaren de -gevangenis zou ingaan. - -Hij dacht even na over hetgeen hem nu te doen stond, en wendde zich -toen tot Charly met de woorden: - -„Het gemakkelijkste zou zijn, den kerel dadelijk in handen van de -politie te stellen—maar het eerste wat hij zou doen, zou natuurlijk -zijn te verraden wie de vrouw is, die hier verpleegd wordt. Om -diezelfde reden kunnen wij hem ook niet overleveren aan den directeur -van het ziekenhuis, want die zou het zeker zijn plicht achten, de -politie te waarschuwen, en Eleonore te beletten de inrichting te -verlaten, totdat het was uitgemaakt of de Inlander inderdaad de -waarheid had gesproken.” - -„Hetgeen ook ons in groote moeilijkheden zou brengen, Edward!” merkte -Charly Brand op. - -„Wij moeten dus iets anders verzinnen!” hernam Raffles peinzend. „Den -kerel laten loopen—daaraan denk ik geen oogenblik! Dat zou te -gevaarlijk zijn, en daarenboven—misschien bedenkt onze vriend Ibrahim -zich nog wel eens, en bekent hij, van wien hij de opdracht had -ontvangen Eleonore van het leven te berooven.” - -„Nooit!” riep de Fellah op woesten toon. „Gij kent Ibrahim Dhâr niet, -als gij denkt dat hij zal spreken!” - -„Wij zullen zien!” antwoordde Raffles kortaf. - -Hij wierp een blik op zijn horloge. - -Het was bijna drie uur, over een paar uur zou het volkomen dag zijn. - -Er moest dus snel gehandeld worden. - -Raffles wendde zich weder tot Charly, maar thans gebruikte hij de -geheime taal, welke alleen de drie mannen verstonden, en welke voor -ieder volkomen onbegrijpelijk was, terwijl hij zeide: - -„Huur aanstonds een snelle auto. Er zijn hier garages in overvloed. -Breng het voertuig hier—en dan zullen wij dien bruinen schavuit buiten -Caïro brengen, en hem bewaken in een van de dichte bosschen, die zich -ten Noord-Oosten van de stad uitstrekken, totdat Eleonore in veiligheid -zal zijn. Ik heb dan de handen vrij en wij kunnen dan wel verder zijn!” - -„Ik breng natuurlijk geen chauffeur mee?” - -„Dat spreekt van zelf!” riep Raffles eenigzins ongeduldig uit. „Wij -kunnen geen derden bij onze zaak betrekken. Haast je wat!” - -Charly vertrok om dadelijk de opdracht te gaan volbrengen. - -En gedurende den tijd dat hij weg bleef, bewaakten Raffles en Henderson -den Inlander—want zij vertrouwden hem niet, ofschoon hij goed geboeid -was, en iedere paar minuten overtuigde Raffles zich, dat de man zich -niet had weten te bevrijden van de touwen, die zijn handen op zijn rug -gebonden hielden. - -Maar reeds na verloop van een half uur keerde Charly weder terug, thans -met een kleine maar snelle auto, welke hij liet stilstaan voor het -groote hek, op de plek, waar hij Raffles en de anderen had -achtergelaten. - -Niet zoodra had Raffles de lichten van de auto gezien, en het bekende -signaal met den hoorn vernomen, of hij gaf Henderson een kort bevel, en -daarop grepen de beide mannen den Hindoe ieder bij een arm, en -geleidden hem door het hek, waarvan Raffles zich een valschen sleutel -had weten te verschaffen, naar buiten en naar de plek, waar de auto -stond te wachten. - -Het ging niet al te vlug, want de Hindoe kon slechts langzaam loopen -wegens zijn kluisters, maar eindelijk zat hij dan toch in het voertuig, -en Raffles nam aan het stuurwiel plaats, terwijl Charly hem als bewaker -ging vervangen. - -Raffles kende hier de wegen uitstekend, en zeker evengoed als die van -Londen. - -De kleine auto snelde over den goed onderhouden weg, het bosch -tegemoet, en toen zij dit bereikten, steeg juist de zon boven de kim. - -Raffles liet de auto stilstaan, en zeide op zachten toon tot Charly: - -„Breng hem in het dichtste gedeelte van het bosch—er komen daar maar -heel zelden menschen, en je kunt hem gerust knevelen, zoodat hij niet -kan schreeuwen. Ik ga aanstonds Eleonore Manoury uit het ziekenhuis -bevrijden, en breng haar op een veilige plek, om aanstonds weder naar -je terug te keeren—en dan zullen wij eens zien, of wij dezen Ibrahim -Dhâr niet kunnen bewegen, om iets los te laten, en nog heel wat meer te -doen wat ik verlang—met of tegen zijn zin!” - - - - - - - - -WAT IBRAHIM DHÂR VERRICHTTE. - - -Het was bijna tien uur in den morgen, toen Charly in de verte, op den -breeden straatweg, waarvan echter door het dichte geboomte en het -struikgewas niets te zien viel, weder het geluid hoorde van een -autohoorn. - -Hij slaakte een zucht van verlichting, want de bewaking van den Fellah, -met zijn ondoorgrondelijk gelaat en zijn onheilspellend schitterende -oogen, was hem zwaar genoeg gevallen, en had veel van zijn zenuwen -gevergd, al was de schurk ook ontwapend, en al waren Henderson en -hijzelf van vuurwapens voorzien. - -De twee Engelschen namen den Fellah weder in het midden, en voerden hem -tot bij de plek waar Charly het sein van den hoorn had gehoord. - -Het duurde niet lang of Raffles trad te voorschijn. - -Zijn gelaat had een opgewekte uitdrukking, en Charly begreep aanstonds, -dat Eleonore Manoury althans voorloopig in veiligheid was gebracht. - -„Hoe is het met haar?” vroeg hij zachtjes. - -„Zoo goed als het maar kan!” antwoordde Raffles. „Zij heeft -voortreffelijk geslapen, dank zij het kalmeerend middeltje, dat de -directeur haar op mijn aanraden had toegediend, en waarin een zeer -geringe hoeveelheid morphine was gemengd, en zij heeft, op mijn arm -gesteund, zelfs eenige minuten kunnen loopen! Over een paar dagen is ze -weer geheel de oude, denk ik!” - -De Fellah had met een norsch, onbewogen gelaat naar deze woorden -geluisterd maar het fonkelen van zijn oogen, diep in de kassen -verborgen, en dat hij onmogelijk kon bedwingen, toonde maar al te -duidelijk aan, hoezeer de wraakzucht hem verteerde. - -Raffles had den Inlander een oogenblik zwijgend gadegeslagen, en wendde -zich nu tot Ibrahim Dhâr met de woorden: - -„Hebt gij u bedacht?” - -„Ik weet niet wat gij bedoelt!” antwoordde de Inlander hooghartig. - -„Gij weet het zeer goed, maar gij volhardt bij uw stilzwijgen!” riep -Raffles toornig uit. „Niets zou mij nu gemakkelijker vallen, dan u -aanstonds aan de politie over te leveren—maar eerst zult gij mij van -dienst zijn!” - -„Denkt gij dat werkelijk?” riep de Inlander hoonend uit. „Niets zal ik -voor u doen—behalve een gebed tot Vishnoe richten, opdat hij u moge -verdelgen!” - -„Wij weten tenminste nu, wat wij aan u hebben!” hernam Raffles -kalmpjes. „Zie mij eens recht in de oogen!” - -Onwillekeurig gehoorzaamde de Fellah, en keek recht in de groote -staalgrijze oogen. - -Maar het volgende oogenblik barstte hij in een heesch lachen uit—en de -dunne rimpelige oogleden vielen neer over de zwarte oogen. - -„Denkt gij met een kind te doen te hebben?” riep Ibrahim Dhâr op -schellen toon. „Dacht gij dat ik niet onmiddellijk mij bewust was -geweest van de hypnotiseerende kracht van uw blik? Als gij mij op deze -wijze wilt dwingen—dan kunt gij wachten tot den dag van het laatste -oordeel! Ibrahim Dhâr is geen kind!” - -Raffles glimlachte flauwtjes, maar hij scheen volstrekt niet ontmoedigd -te zijn. - -„Onze man is sterker dan ik dacht!” zeide hij schouderophalend. „Nu als -dit eenvoudige middel niet slaagt, dan moet ik mijn toevlucht nemen tot -het meer ingewikkelde! Knevel hem weder, vrienden!” - -En voor Ibrahim Dhâr zich goed bewust was, wat er met hem geschiedde, -voelde hij weder den doek om het benedenste gedeelte van zijn gezicht -knellen. - -„Grijp hem nu stevig vast!” vervolgde Raffles. - -Henderson plaatste zich achter den Fellah, en greep hem met zijn -ijzeren vuisten stevig bij de bovenarmen, ter hoogte van den elleboog. - -Nu pas opende Ibrahim Dhâr weder de oogen, om te zien wat men met hem -voor had. - -En dadelijk begon hij zich als een waanzinnige te verweren, want in de -rechterhand van Raffles zag hij een klein voorwerp—een zeer fijn -spuitje, met een spitse punt, zooals men wel voor morphine-inspuitingen -gebruikt. - -Ofschoon hij volstrekt niet kon vermoeden, wat er met hem zou -geschieden, gevoelde hij instinctmatig het gevaar, dat hem van dit -onnoozele voorwerp bedreigde. - -Maar Henderson had hem stevig vast, en vruchteloos kronkelde de Fellah -zich als een wurm in zijn sterke vuisten. - -Raffles trad op hem toe, greep zijn naakten rechterarm met de -linkerhand, en drukte met de rechterhand snel de vlijmscherpe punt van -het injectiespuitje een millimeter in het vleesch, terwijl de -wijsvinger snel en handig de kleine piston nederdrukte. - -Zelfs door den doek heen was de kreet van dierlijke woede te hooren, -welke de Fellah slaakte, toen hij den prik voelde. - -„Laat hem nu maar weer los!” beval Raffles kalm. „Nu zullen wij eens -zien of mijn beproefd middeltje spoedig zal werken!” - -De reus ontspande zijn vuisten, die den Fellah als in een knelschroef -gevangen hadden gehouden, en de Fellah was vrij. - -Hij keek Raffles aan met oogen, die uit hun kassen dreigden te puilen, -en schopte als razend met de beenen in zijn vruchtelooze pogingen om -zich te bevrijden van de koorden, die ze gekluisterd hielden. - -Maar de touwen waren sterk, en spoedig zag Ibrahim Dhâr het nuttelooze -van zijn pogingen in. - -Toen stond hij eenige oogenblikken doodstil, als uit brons gegoten. - -Raffles sloeg hem aandachtig gade, met de belangstelling van een -geneesheer, die een eigenaardig geval bestudeert. - -En hij zag, hoe er als het ware een rilling liep over het geheele, -slechts door den heupdoek bekleedde lichaam van den Inlander. - -Het was of die man door een hevige koude bevangen was, die hem deed -huiveren. - -„Maak zijn armen maar los!” beval Raffles op zachten toon. „Hij zal nu -wel niet meer in staat zijn om zich te verweren!” - -Charly gehoorzaamde. - -Hij kende het wonderbaarlijke middel, waarvan Raffles zich zooeven -bediend had, hij had er een paar maal de merkwaardige uitwerking van -gezien, en hij wist dat Raffles de waarheid sprak—reeds nu zou Ibrahim -Dhâr er niet aan denken zich te verzetten—hij was van dit oogenblik een -willoos werktuig geworden in de hand van den Grooten Onbekende! - -Hij maakte dus de touwen los, en de dunne, maar gespierde armen van den -Fellah, vielen slap langs zijn lichaam neder. - -Hij stond daar nu met eenigszins gespreide beenen, het hoofd op de -borst geneigd, terwijl de felle glans van haat en woede snel uit de -donkere oogen week. - -Raffles sloeg hem nog eenigen tijd gade, en beval toen op zachten toon: - -„Maak nu ook de kluisters van zijn beenen maar los.” - -Charly ontknoopte het koord. - -De Fellah was vrij—en als hij gewild had, had hij zich met enkele -sprongen in veiligheid kunnen brengen in het dichte bosch. - -Hij verroerde zich echter niet, en bleef rustig op dezelfde plek staan. - -Er lag een kalme, geheel veranderde uitdrukking op zijn gelaat. - -De oogen keken droomerig, en als onbewust van hetgeen zich om hem -voordeed. - -Raffles verhief zijn stem een weinig, en beval: - -„Ibrahim Dhâr, loop wat heen en weder, om den bloedsomloop te -herstellen in uw beenen, die gebonden zijn geweest!” - -Langzaam als een automaat, als een speelgoedpop, kwam de Fellah in -beweging. - -Hij deed eenige passen, keerde zich om, liep in de andere richting,—en -zoo eenige malen achtereen. - -„Sta stil!” beval Raffles. - -Onmiddellijk stond de Fellah stil. - -Een glimlach van voldoening gleed over het gelaat van den Grooten -Onbekende. - -„Het verheugt mij, dat het middeltje, dat ik heb uitgevonden, ook op -dezen man zijn uitwerking niet mist,” zeide hij toen. „Een oogenblik -vreesde ik er voor, want het is eigenlijk samengesteld om te worden -toegepast op lieden, die, als de Westerlingen, voor het meerendeel veel -dierlijk voedsel gebruiken—en je weet dat de bewoners van Afrika zich -hoofdzakelijk voeden met rijst en brood.” - -Hij keek een oogenblik onderzoekend naar de oogen van den Fellah, en -vervolgde: - -„Zijn bewegingen zijn nu nog een weinig automatisch, maar dat zal wel -spoedig verbeteren, en over een half uur zal geen sterveling, die mijn -geheim niet kent—en wie zou het kennen?—aan mijn man kunnen zien, dat -hij niet meer dezelfde is, niet meer Ibrahim Dhâr, maar het willoos -werktuig, de slaaf, de gehoorzame dienaar van John Raffles.” - -„Kun je er niet eens de proef van nemen?” vroeg Charly die met groote -belangstelling het geheele voorval had gadegeslagen. - -„Ik moet het zelfs wel hier doen, Charly! Dit is er de beste plaats -voor—maar wij zullen ons toch eerst wat dichter bij onze auto -begeven—het zou zeer onaangenaam zijn, wanneer de wagen ons ontstolen -werd!” - -Raffles wendde zich tot den Inlander, die steeds op dezelfde plek was -blijven staan, en beval: - -„Ibrahim Dhâr volg ons!” - -De drie Engelschen begaven zich in de richting van den straatweg, en -achter hen volgde, gehoorzaam als een hond, de Fellah. - -Spoedig hadden zij de plek bereikt, waar Raffles de auto had laten -stilstaan. - -Hier hielden allen halt, en de Groote Onbekende wendde zich opnieuw tot -den Inlander, en zeide: - -„Gij moet mij nauwkeurig en naar waarheid antwoorden op alle vragen, -die ik u zal stellen, Ibrahim Dhâr! Hebt gij mij begrepen?” - -De Inlander knikte. - -„Neen, geef mij antwoord!” - -„Ja, Sahib!” - -„Zoo is het goed! Gaf de Meester je bevel om Eleonore Manoury van het -leven te berooven?” - -„Zoo is het, Sahib!” - -„Weet gij wie hij is?” - -„Ja!” - -„Hebt gij hem wel eens persoonlijk ontmoet?” - -„Meermalen!” - -„Hoe wist hij dat Eleonore Manoury zich hier bevond?” - -„Een der onzen werd in het ziekenhuis verpleegd, en heeft haar in den -tuin gezien!” - -„Dus zij had toch gelijk,” mompelde Raffles zachtjes voor zich heen. - -Daarop hernam hij, zich opnieuw tot den Fellah wendende: - -„Op welke wijze is dat aan Stanley medegedeeld?” - -„Ik heb hem zelf een telegram gezonden!” - -„In gewoon Engelsch?” - -„In het Engelsch, maar in geheime taal!” - -„Wat antwoordde hij?” - -„Dat er onmiddellijk tegen de vrouw moest worden opgetreden—ik wist wat -met deze woorden bedoeld werd— — —” - -„Waarom zijt gij den eersten keer gevlucht, alvorens uw verfoeilijk -plan ten uitvoer te brengen?” - -„Ik werd gestoord door een verdacht geluid!” - -„Hebt gij medeplichtigen?” - -„Neen, ik deed het alleen!” - -Raffles zweeg eenige oogenblikken en keek Charly glimlachend aan. - -„Je ziet dat de Fellah geen geheim meer voor ons heeft!” zeide hij. - -„Hij kon niet sneller antwoorden, al ware hij op een pijnbank -gespannen!” antwoordde Charly vol bewondering. - -„O, ik heb mijn instrument nog niet ten volle bespeeld—er valt nog meer -uit te halen,” hernam Raffles levendig. „Let maar eens op!” - -Hij dacht even na over zijn volgende vraag, en begon toen opnieuw: - -„Wie dragen er kennis van de geheime taal, welke gij gebezigd hebt om u -in verbinding te stellen met den Meester?” - -„Niet velen! Hier te Caïro zijn er ten hoogste vier, die deze taal -kennen! Ik ben een luitenant van het Genootschap!” - -De Fellah had dit laatste op trotschen toon gezegd, en voor een -oogenblik scheen er een weinig leven in zijn zwarte oogen te komen. - -„Gij bekleedt dus een rang van beteekenis?” - -„Ja! De Meester weet zeer goed, dat ik hier in deze streek van Afrika -door duizenden gehoorzaamd werd.” - -„Veronderstel eens dat gij Stanley dringend verzocht aanstonds hier te -komen, daar het een zaak van het grootste belang betrof—bijvoorbeeld -dat gij John Raffles hier hadt ontmoet—gelooft gij dan, dat de Meester -aan dat verzoek gehoor zou geven?” - -„Zonder eenigen twijfel!” - -„Bestaat er een sleutel van uw geheim?” - -„Ja.” - -„Waar is die?” - -„In een geheime schuilplaats in mijn woning.” - -„Waar is die woning gelegen?” - -„Even buiten de stad, niet ver van den weg naar Alexandria!” - -Raffles keek Charly glimlachend aan, en zeide op gedempten toon: - -„Mij dunkt, dat het niet mooier kon! Wat zeg je wel van deze lokvink? -Hij zal zoo zeker als twee maal twee vier is op mijn bevel Stanley hier -brengen! Het is jammer, dat ik het middeltje, wat ik hem heb -toegediend, slechts zeer zelden en dan nog alleen met de grootste -opoffering aan tijd en inspanning kan vervaardigen, wegens de zeer -groote zeldzaamheid van de voornaamste grondstoffen waaruit het is -samengesteld!” - -„Is het werkelijk je plan, Raffles, Irwin Stanley hier te laten komen?” -riep Charly uit, wien dit vooruitzicht alles behalve scheen toe te -lachen. - -„Ja! Heb je er iets tegen in te brengen?” - -„Alleen maar dit, dat ik niet goed inzie, hoe je den man gemakkelijker -onschadelijk kunt maken, zonder je zelf in gevaar te brengen, dan te -Londen!” - -„Maar dat is toch zoo eenvoudig mogelijk, mijn waarde!” hernam Raffles. -„De politie hier in Caïro ontvangt een briefje van mijn hand, waarin ik -haar zonder meer mededeel, dat ik mij hier bevind! Ik zelf zal echter -wel zorg dragen dat ze mij niet te zien krijgt!” - -„En in dat briefje....?” - -„In dat briefje deel ik haar mede, dat een zekere Ibrahim Dhâr, die -haar waarschijnlijk wel bekend zal zijn, haar op een vastgesteld -tijdstip mededeelingen zal komen doen betreffende een samenkomst, welke -hij met Irwin Stanley uit Londen zal hebben. Die Ibrahim Dhâr zal -waarschijnlijk verre van gunstig staan aangeschreven bij de politie van -deze stad, en men zal het dus al, zonder dat de man nog een woord -gezegd heeft, behalve dat hij Stanley verwacht, op zijn minst verdacht -vinden, dat een Engelschman op de ontvangst van het telegram van zulk -een individu als deze Fellah, onmiddellijk naar Caïro komt, zonder zich -een oogenblik te bedenken!” - -„Alles goed en wel, Raffles,—maar tegenover de politie zal deze bruine -schoelje geen woord los laten!” - -„Ik vraag je verschooning—ik zal hem eenvoudig zeggen dat hij moet -antwoorden, en hij zal er niet aan denken, om te weigeren! Vergeet -niet, dat het volstrekt niet noodzakelijk is, dat juist ik hem de -vragen stel! Hij zal even goed geantwoord hebben, als jij of Henderson -dit doet! De man is eenvoudig willoos, dat is alles. Hij is in het -volle bezit van al zijn zintuigen—en ook van zijn geestelijke -vermogens—alleen niet over de macht om van zijn vermogens naar zijn -eigen wil gebruik te maken! Het is een soort hypnose, maar van een zeer -bijzondere soort!” - -„Maar als de man weder uit dien toestand ontwaakt, Edward, dan zal hij -eenvoudig alles loochenen!” riep Charly uit. - -Raffles echter haalde de schouders op, en hernam: - -„Het middel behoudt maandenlang zijn uitwerking, die dan zeer langzaam -aan verdwijnen gaat—tenzij ik hem een zeer eenvoudig tegengif geef—een -injectie met cocaïne.” - -„Maar Stanley—geloof je niet dat hij aanstonds zal inzien, dat hier -bedrog in het spel is—dat Ibrahim Dhâr niet meer zich zelf is, maar een -willoos werktuig van een ander?” - -„Ik betwijfel of Stanley, die geen geneesheer is, dit inderdaad zou -opmerken, Charly—maar zelfs al was dat het geval, dan zal hij de -politie toch niet kunnen overtuigen van zijn opvatting—zijn woorden -zullen slechts in zijn nadeel spreken, de politieautoriteiten denken, -dat hij tracht, hen op een dwaalspoor te brengen, hen om den tuin te -leiden!” - -„Maar hoe wil je Stanley dwingen, naar de politie te gaan?” - -„Een oogenblikje! Hij zal niet naar de politie gaan—de politie komt -naar hem!” hernam Raffles glimlachend. „Ik zal Ibrahim Dhâr bevelen mij -de plek te noemen, waar hij met Stanley pleegt samen te komen—ik zal -hem zelf nauwkeurig het uur opgeven, dat hij voor de samenkomst met den -Meester in zijn telegram moet vermelden—en ik zal wel zorgen, dat de -politie daar aanwezig is, om Stanley in verzekerde bewaring te nemen.” - -„Maar dat kan zij toch niet doen, Raffles, voor zij eerst heeft -afgewacht, dat het gesprek tusschen den Inlander en Stanley inderdaad -van gevaarlijken aard is?” - -Raffles haalde opnieuw de schouders op, en antwoordde: - -„Een paar minuten zullen wel voldoende zijn, om haar te doen inzien, -welk vleesch zij in den kuip heeft!” - -„Maar de Fellah zal geen mond open doen! Hij spreekt niet, zooals je nu -immers zelf ziet, tenzij hem iets gevraagd wordt!” - -„Zeer juist! En ik denk dat de eerste vraag van Stanley zal zijn: -„Welnu waar bevindt John Raffles zich, bruine broeder?” - -„Waarop de Fellah zal antwoorden: „Ik weet het niet blanke broeder!” -viel Charly hem in de reden. - -„Nu mijn waarde, al wisselden zij inderdaad niets anders dan die vraag -en dat antwoord—dan zou dat voor de politie reeds voldoende moeten -zijn, om in te zien dat Stanley inderdaad nog heel iets anders is dan -de zaakwaarnemer waarvoor hij zich uitgeeft.” - - - - - - - - -HET NET WORDT GEWEVEN. - - -Omstreeks twee uur in den middag ontving de hoofdcommissaris van -politie te Caïro, Huntley, een schrijven van den volgenden inhoud: - - - „Mijnheer! - - Een uur geleden verzond de Fellah, Ibrahim Dhâr, U waarschijnlijk - welbekend, een telegram in geheime taal, aan Irwin Stanley, Kappel - Street 93 te Londen, waarvan ik U hier een afschrift laat volgen in - het origineel, zoowel als in de werkelijke beteekenis. - - Zooals gij ziet luidt de inhoud van dit telegram: „Meester! Uw - overkomst dringend noodzakelijk. John Raffles hier gezien met de - vrouw. Aanslag op haar mislukt. Ik volg Raffles voet voor voet. - Verblijf van de vrouw onbekend. Ibrahim Dhâr.” - - Ik kan u verzekeren dat, wat de hoofdzaak betreft, dit telegram - volkomen waarheid is—John Raffles is inderdaad hier te Caïro, en - uit de onderteekening van dit schrijven kunt gij zien, wie U dit - briefje schrijft. - - Wanneer ik zoo vrij mag zijn, U een raad te geven, stel U dan - onmiddellijk in verbinding met Uw collega’s te Londen, en verzoek - deze, het doen en laten van Irwin Stanley nauwkeurig te doen - nagaan. - - Scheept hij zich inderdaad met de eerste de beste boot, die - vertrekt, naar Caïro in, of gaat hij te land over Genua, hetgeen de - weg aanzienlijk verkort, dan zal Scotland-Yard wellicht haar - meening nog wel eens herzien in zake de onaantastbaarheid van den - heer Irwin Stanley! - - Zonder eenigen twijfel zult ook gij het wel pikant vinden, dat deze - heer aanstonds gevolg geeft aan den wensch om naar Caïro over te - steken, en daarvoor zijn drukke praktijk te laten varen, wanneer - die wensch geuit wordt door een man als Ibrahim Dhâr. - - Daar het echter verre van mij is, U te nopen, mij zonder meer - geloof te schenken, noodig ik U uit, vandaag over zeven dagen, des - avonds om elf uur, met eenige mannen te verschijnen in het huis van - Ibrahim Dhâr, even buiten Caïro, aan den weg naar Alexandria - gelegen, waar gij U in hinderlaag kunt leggen, en waar Irwin - Stanley om half drie in den nacht zal verschijnen. - - Het is zeer wel mogelijk, dat gij mij persoonlijk dank zult willen - betuigen voor deze kostbare inlichtingen, welke U een groot - misdadiger in handen zullen spelen, maar om begrijpelijke - redenen—mijn aangeboren bescheidenheid nog daar gelaten—wensch ik - mij liever aan iedere betuiging van hulde en dankbaarheid te - onttrekken. - - Wanneer gij voorzichtig, met list, en doortastend op het goede - oogenblik te werk gaat, en vooral geen ruchtbaarheid geeft aan dit - schrijven dan zult gij, naar ik meen, een grooten dienst aan de - gemeenschap bewezen hebben. - - Inmiddels, met onveranderlijke gevoelens van hoogachting, - - Steeds gaarne de Uwe, - John Raffles. - - -Het behoeft geen nader betoog, dat dit schrijven onder de hoogste -politieautoriteiten van Caïro de uitwerking had van een donderslag bij -helderen hemel. - -Het schrijven opende alle mogelijke perspectieven! - -Om te beginnen was John Raffles—aangenomen natuurlijk dat de brief geen -fopperij was—in Caïro! - -Dat was ongetwijfeld een zaak van belang, en alleen viel het zeer te -betreuren, dat men aan de wetenschap alleen niet veel had! - -Raffles had even goed kunnen mededeelen, dat hij zich in Afrika bevond! - -Verder was van groot gewicht dat hij den naam van Ibrahim Dhâr noemde. - -Deze Fellah werd reeds lang gezocht wegens eenige zware misdrijven, -maar had zich gedurende langen tijd aan alle nasporingen van de politie -weten te onttrekken—hij bleek zich dus te hebben opgehouden in een -eenzaam huis, vervallen en dat men onbewoond waande, zonder dat men het -wist. - -Nu begreep de heer Huntley wel, dat niets gemakkelijker zou zijn, zich -aanstonds te overtuigen van de waarheid van hetgeen Raffles in zijn -brief te berde had gebracht, door eenvoudig een paar schrandere -detectives in hinderlaag te leggen in de nabijheid van het verlaten -huis, die zich dadelijk van den persoon van den langgezochten Fellah -konden meester maken, zoodra zij hem in het oog kregen. - -Maar—dan had men wel den Inlander, maar men miste daarentegen het -onderhoud met Stanley, waaruit zou blijken, dat deze inderdaad de man -was, voor wien John Raffles hem hield—iets wat de heer Huntley -voorloopig niet zonder deugdelijke bewijzen verkoos aan te nemen. - -Daar er echter niets aan verloren zou zijn, als men er zich toe -bepaalde, het vervallen huis aan den straatweg naar Alexandria -zorgvuldig in het oog te houden, zoo besloot de hoofdcommissaris van -politie, voorloopig nog niet handelend op te treden, en de kat eens uit -den boom te zien. - -En er waren nog geen twee volle dagen verloopen, of de heer Huntley -moest erkennen, dat althans reeds een deel van hetgeen John Raffles in -zijn schrijven had aangevoerd, bewaarheid was—Irwin Stanley had, na in -allerijl zijn toebereidselen te hebben gemaakt, de reis naar Caïro -aanvaard, en wel langs den kortsten weg, per boot het kanaal over, door -Frankrijk naar Genua, en vandaar met de correspondeerende pakketboot -naar Caïro! - -Intusschen, dit kon toeval zijn. - -Weliswaar had Irwin Stanley nog pas korten tijd geleden iets met de -Londensche politie uitstaande gehad, eveneens gevolg eener mededeeling -van John Raffles, en ofschoon men hem toen op vrije voeten had moeten -stellen—de zaak kwam nu toch in ander licht te staan, als men haar in -verband bracht met Raffles’ jongste betichtingen. - -Hoe het ook zij,—in het geheim werden de gangen van den zaakwaarnemer -nagegaan, van het oogenblik af, dat hij zijn huis in de Kappel-Street -verliet, en men moest het Scotland Yard ter eere nageven, dat Stanley -geen seconde onbewaakt bleef. - -De telegraaf werkte snel en naar alle richtingen, met de meest -mogelijke geheimhouding, want men wist maar al te goed, dat het -Genootschap van den Gouden Sleutel zelfs zijn spionnen had op de -telegraaf-centrale en telephoonbureaux, en niet zoodra was de boot te -Calais aangekomen, of Fransche detectives namen de taak van de -Londensche over, met niet minder schranderheid en onopvallendheid. - -Van station tot station werd Irwin Stanley nagegaan, en klaarblijkelijk -zonder dat hij er zelf eenig bewustzijn van had. - -Zijn gedachten waren te zeer vervuld van wraakgevoelens, en van -hoopvolle verwachting, dat hij er eindelijk in zou slagen zijn -doodsvijand machtig te worden—en tevens zijn voormalige minnares, die -voor hem steeds een bedreiging zou blijven, zoo lang zij zich buiten -zijn greep bevond. - -In Genua stapte tegelijk met Irwin Stanley wederom een Engelsche -detective aan boord, want het vaartuig was van een Engelsche -Maatschappij, een Engelsch schip, en dus Engelsch grondgebied. - -Maar er waren wel een paar honderd reizigers, en Stanley dacht aan heel -andere dingen dan aan Engelsche detectives,—hij dacht over de -martelingen na, welke hij zijn vijand zou laten ondergaan, wanneer hij -hem weder in zijn macht had. - -Want hij kon er niet aan twijfelen—aan Raffles was het zeker weder te -wijten geweest, dat de aanslag op Eleonore Manoury mislukt was. - -Thans bevond zij zich zeker weer in veiligheid—en toch moest zij tot -iederen prijs gevonden worden, want zoolang die vrouw leefde, moest -Stanley vreezen voor zijn eigen bestaan. - -Als zij alles mededeelde wat zij van hem wist, dan zou het zelfs niet -onmogelijk zijn,—neen zeker ware het, dat hij zijn hoofd door den strop -zou moeten steken! - -De overtocht was zeer voorspoedig, de Middellandsche zee was zoo glad -als een spiegel, en de reis werd in twee uren minder dan den -vastgestelden tijd volbracht. - -Aanstonds begaf Irwin Stanley zich naar het Hotel des Anglais, waar hij -zich onder zijn eigen naam in het vreemdelingenregister liet -inschrijven. - -En weer was hij zich er onbewust van, dat tegelijk met hem een ander -reiziger een kamer in het hotel had, die luisterde naar den naam John -Raffles! - -Inderdaad, de Groote Onbekende had den schurk niet uit het oog willen -verliezen, en hij was hem tot Genua tegemoet gereisd, waar hij zijn -uiterlijk totaal had veranderd, terwijl hij den Inlander, Ibrahim Dhâr, -had toevertrouwd aan de bewaking van Charly en James Henderson. - -Dit laatste was noodzakelijk geweest, want er zou groot gevaar aan -verbonden geweest zijn, indien men den Fellah had laten doen wat hij -wilde. - -Hij zou dan misschien met medeplichtigen in aanraking zijn gekomen, die -wellicht het plan van Raffles zouden hebben doorzien, of misschien zou -hij wel in handen van de politie zijn gekomen, op een zoo ongunstig -mogelijk tijdstip—namelijk voor dat Stanley zijn reis zou hebben -beëindigd. - -Het was immers steeds verstandig, geen al te hooge wissels te trekken -op de schranderheid van de politie. - -Huntley kon wel eens de meening zijn toegedaan, dat één vogel in de -hand beter is dan tien in de lucht, en voorloopig maar beslag leggen op -den Inlander, zoodra deze hen in handen zou vallen. - -En daarom hadden Charly en Henderson een van die groote schuiten -gehuurd, overdekt met een soort huif, uit gevlochten rotan, en die met -behulp van een ontzaglijk lange wrikspaan wordt voortbewogen, en daarin -waren zij met Ibrahim Dhâr, die hen mak als een schaap volgde, den Nijl -afgezakt. - -Wat Raffles aangaat, hij had zich omgetooverd tot een ouden, Franschen -markies, die niet heel lang meer te leven had, en die zijn wankele -gezondheid in dit heerlijke, gezonde klimaat nog een weinig hoopte op -te lappen. - -Hij zag er uit als een menschelijk wrak, met slechts weinig, spierwit -haar, dat blijkbaar met de grootste zorgvuldigheid over het hoofd was -verdeeld, vale, ingevallen wangen, snor en sikje, een gebogen houding, -en een droog kuchje. - -En zoo voortreffelijk was zijn kleeding, dat geen der kellners, noch de -gérant, noch de directeur, ook maar een oogenblik in dezen onttakelden -Franschen markies den Engelschen plezierreiziger van eenige dagen -geleden herkende. - -Raffles had Stanley geen oogenblik uit het oog verloren, en hij -bewaakte hem van het oogenblik af, zooals de herdershond de kudde -bewaakt. - -Natuurlijk kon hij hem onmogelijk overal nagaan, daar een schrander man -als Stanley dit spoedig zou hebben gemerkt, maar dat behoefde ook niet, -want Charly, die eveneens zijn uiterlijk had veranderd, kwam hem -aflossen, zoodat alleen den reus de taak te beurt viel een wakend oogje -op Ibrahim Dhâr te houden. - -Raffles had zoo nauwkeurig alles uitgerekend, dat Stanley reeds -denzelfden nacht, volgend op den dag zijner aankomst, naar het eenzame -huis aan den straatweg naar Alexandria moest gaan, teneinde daar de -samenkomst te hebben met den Fellah. - -De politie had haar maatregelen genomen, want Huntley was tot het -inzicht gekomen, dat het hem naderhand als een onvergeeflijke fout zou -kunnen worden aangerekend, den brief van Raffles in den wind te hebben -geslagen. - -Hij had dus vijf van zijn beste mannen naar het vervallen huis -gezonden, reeds vroeg in den avond, die zich daar in hinderlaag hadden -gelegd. - -Het was toen half tien, en Ibrahim Dhâr was er nog niet, hetgeen -Huntley, die het kleine troepje persoonlijk had willen aanvoeren, wel -een weinig teleurstelde. - -Het was in ieder geval geen goed voorteeken! - -Maar omstreeks elf uur naderden er zachte, katachtige voetstappen, de -buitendeur ging open, en de Fellah trad binnen. - -Hij begon met een kleine lantaarn aan te steken, en hing deze aan een -kram aan den wand. - -Vervolgens opende hij een kleine wandkast, haalde er wat levensmiddelen -uit, zette een soort thee, waartoe hij het water op een -houtskoolvuurtje aan het koken bracht, en nuttigde den maaltijd. - -En dit alles met afgemeten, als mechanische gebaren, schijnbaar zonder -zelf te beseffen wat hij deed. - -Daarop borg hij alles wat hij gebruikt had weder weg, nam de lantaarn -van den haak, besteeg een wrakke trap, die naar de eenige verdieping -van het vervallen huis voerde, ging een vertrek binnen, waar een bamboe -rustbank, door een muggennet omgeven, met een paar eenvoudige stoelen, -het eenige meubilair vormden. - -Hier hing hij de lantaarn opnieuw op, nadat hij voor het eenige, smalle -venster een lap stof, bij wijze van gordijn had laten vallen, nam op de -rustbank plaats, en wachtte. - -En hij wachtte klaarblijkelijk zonder eenig besef van den tijd te -hebben, zonder zich een oogenblik te vervelen, zonder te weten of hij -vijf minuten, dan wel een vollen dag had gewacht. - -Traag kropen de uren voorbij, maar Huntley en zijn mannen werden niet -ongeduldig, maar wachtten daarentegen in groote spanning op hetgeen er -nog zou volgen. - -Want reeds de helft van hetgeen Raffles in zijn brief verzekerd had, -was uitgekomen—de langgezochte Inlander zat daar, op nauwelijks een -paar passen afstand van hen vandaan. - -Het werd eindelijk halfdrie in den nacht—en juist op dat oogenblik werd -er op de buitendeur op eigenaardige wijze geklopt. - -De Inlander scheen het evenwel niet te hooren, of als hij het al hoorde -sloeg hij er geen acht op. - -Hij bleef tenminste roerloos zitten. - -De man die buiten stond, bromde iets voor zich heen, scheen een -oogenblik te aarzelen, en duwde toen tegen de deur, die meegaf. - -„Een open deur?” bromde Stanley—want hij was het—voor zich heen. „Dat -bevalt mij niet erg! Ik geloof dat het noodzakelijk zal zijn om een -paar voorzorgmaatregelen te nemen!” - -Hij stak de hand in zijn zak, en toen hij die weder te voorschijn -haalde, blonk in zijn vuist de loop van een revolver. - -Nu duwde hij zachtjes de deur wat verder open, en trad voorzichtig -binnen. - -Hij wachtte vele minuten, de ooren in luistering gespitst, scheen toen -gerustgesteld, en sloot de deur. - -En op hetzelfde oogenblik maakten zich drie gedaanten los uit de -schaduw van het zware struikgewas tegenover het huis, die het gebouwtje -snel naderden, en het volgende oogenblik er als het ware door werden -opgeslokt. - -Het waren John Raffles en zijn beide onafscheidelijke metgezellen.... - - - - - - - - -GECONFRONTEERD. - - -Stanley bleef, nadat hij de deur gesloten had, opnieuw eenige -oogenblikken in luisterende houding staan, en zijn grijsgroene oogen -fonkelden als die van een jaguar. - -Maar alles in het huis bleef doodstil. - -Toen spitste Stanley de lippen en liet een zacht sissend geluid hooren, -zooals de brilslang maakt, wanneer door het een of ander haar toorn is -opgewekt. - -Het was zeker bedoeld als een sein, want onmiddellijk klonk het -antwoord op dezelfde wijze gegeven. - -„Hij is er dus!” mompelde de Meester voor zich heen. „Het geluid kwam -van boven.” - -Voorzichtig begon hij de trap te beklimmen, steeds de revolver in de -vuist, en zich met de linkerhand steunend tegen een gepleisterden muur, -die in een oud verleden misschien wel eens wit was geweest. - -Alvorens het portaal te betreden, keek hij voorzichtig rond, en toen -hij een lichtstraal onder de deur van het bovenvertrek zag dringen, -ging hij verder, trad op de deur toe, opende ze langzaam, en keek vol -verbazing naar de gedaante van den Fellah, die onbeweeglijk op de -rustbank zat. - -Hij scheen te wachten, tot Ibrahim Dhâr zou opstaan om hem te -begroeten, maar toen er niets van dien aard geschiedde, zeide hij op -gedempten toon, en met ongeduld en toorn in zijn stem: - -„Ibrahim Dhâr, is dit de wijze waarop een luitenant den Meester -begroet?” - -Nu pas scheen de Inlander iets te merken van het binnenkomen van Irwin -Stanley. - -Er was een vraag tot hem gericht, en hij moest dus antwoorden. - -Langzaam wendde hij het hoofd naar den binnentredende, stond op, en -zeide afgemeten: - -„Ik groet u, Meester! De sleutel zij ons geheim!” - -Terwijl hij deze woorden uitsprak, had hij de armen over de borst -gekruist, en maakte nu een diepe eerbiedige buiging. - -„Zoo is het beter!” hernam Stanley. „Het verbaast mij een weinig, -Ibrahim Dhâr, dat ik je daarop eerst opmerkzaam moest maken. En laat -ons nu spoedig ter zake komen. Je zult begrijpen, dat je telegram mij -zeer verschrikt heeft! Ik hoop echter dat je mij goed nieuws kunt -mededeelen!” - -Daar de Fellah bleef zwijgen hernam Stanley: - -„Is er iets bekend van John Raffles?” - -„Ik heb hem gezien!” antwoordde de Inlander op doffen toon. - -„Waar?” - -„In het bosch ten Noord Oosten van de stad!” - -„Hoe wist je dat hij het was?” - -„Ik vermoedde het!” - -„Ben je krankzinnig, man?” riep Stanley toornig uit. „Laat je mij op -een vermoeden de reis van Londen naar Caïro maken? Wat moet dat -beteekenen? Ik meende dat je zekerheid had!” - -„Ik weet dat Raffles hier is!” hernam de Fellah op denzelfden doffen -toon, zonder uitdrukking. - -„Kort en goed—waar is hij nu?” - -„Dat weet ik niet!” - -„Verdoemd! Is dat alles wat je mij te zeggen hebt? Wat helpt het mij -dat ik weet dat Raffles in Caïro is, als je mij niet eens kunt zeggen, -waar hij zich ophoudt! Ben je goed bij je zinnen, Ibrahim?” - -„Ik weet zeer goed wat ik zeg, Sahib, ik weet alleen dat John Raffles -zich hier bevindt, want ik heb met hem te maken gehad!” - -„Maar denk je althans zijn spoor terug te kunnen vinden?” hernam -Stanley woedend. - -„Daar ben ik zeker van, Meester!” - -„Het is je geraden!” bromde Stanley, terwijl hij den Fellah een -giftigen blik toewierp. „Ik ben er niet de man naar, om den spot met -mij te laten drijven en een reis van bijna een week te maken, om mij -hier te laten vertellen, dat je niet eens weet waar mijn doodsvijand -zich bevindt!” - -De Inlander gaf geen antwoord en deze woorden, die ieder ander van -schrik zouden hebben doen verstijven, schenen hem volkomen onbewogen te -laten. - -Stanley keek hem een oogenblik doorborend aan, en bromde voor zich -heen: - -„Wat scheelt den schavuit toch? Hij schijnt in het geheel niet op mijn -woorden te letten! Het is alsof zijn gelaat geheel veranderd is, dan -toen ik hem voor het laatst ontmoette. Het lijkt wel alsof hij versuft -is!” - -„Hoe was het mogelijk dat de vrouw ontsnapte?” - -„Raffles hielp haar, Meester!” - -„Ja, dan spreekt het van zelf!” riep Stanley op sarcastischen toon. -„Waar Raffles de behulpzame hand biedt, daar kunnen wij gerust bakzeil -halen, ha ha ha! Vertel het mij!” - -En nu deed de Fellah het verhaal van zijn pogingen om de ongelukkige -vrouw in het ziekenhuis te dooden, en daarop deelde hij mede, op welke -wijze Raffles zich van hem meester had gemaakt. - -Maar toen hij het oogenblik genaderd was, waarop Raffles hem de -injectie toebracht, begon zijn stem te haperen, hij stotterde, streek -zich over het voorhoofd, en scheen zijn geheugen totaal kwijt te -zijn,—en het was alsof er eensklaps een nevel oprees, die althans aan -zijn oogen onttrok, wat er met hem geschied was in de laatste -oogenblikken, die onmiddellijk vooraf gingen aan de inspuiting. - -Stanley had met gloeiende verbazing en onrust toegeluisterd. - -De eentonige stem, de manier waarop de Inlander verhaalde, juist als -een schoolknaap die een van buiten geleerd lesje opzegt, maakte zijn -verbazing en achterdocht gaande. - -Toen Ibrahim Dhâr eensklaps bleef steken, bleef Stanley een oogenblik -wachten, stampvoette toen ongeduldig, en stelde toen de vraag: - -„Welnu? Waarom beëindigt gij uw verhaal niet? Wat is er met je gebeurd, -nadat Raffles er in slaagde je te boeien en machteloos te maken?” - -„Dat weet ik niet, Meester!” antwoordde de Fellah met gebogen hoofd. - -„Weet je dat niet?” herhaalde Stanley met gefronst voorhoofd. „Houd je -mij voor den gek? Je was toch niet beschonken?” - -„Ik was volkomen nuchter, Meester! Het is alleen maar, alsof er zich -een schaduw over mijn geest legt—ik kan niets meer onderscheiden van -het oogenblik af, tot waar mijn verhaal ging.” - -„Maar je zult mij toch wel kunnen mededeelen, hoe je je dan weder van -Raffles bevrijd hebt?” riep Stanley uit, wiens gelaat sedert eenige -oogenblikken een loerende, boosaardige uitdrukking had verkregen. - -„Dat kan ik niet verhalen, Meester—ik weet niet hoe ik mij bevrijd -heb!” - -In plaats van te antwoorden wierp Stanley een langzamen blik om zich -heen. - -Er was iets in de stilte van het huis, dat geleek op de dreiging van -een groot gevaar, waaraan hij echter geen naam wist te geven. - -Er viel niets te hooren dan het tjirpen van de groote krekels, die zich -verborgen hadden in de spleten van den houten wand. - -Stanley was zeker een schrander man, en hij zag in, dat er met den -Inlander in ieder geval iets ongewoons gebeurd was. - -Hij ging zelf in een hoek van het vertrek staan, steeds om zich heen -ziende de revolver tot vuren gereed, en beval op gedempten toon: - -„Loop eens heen en weer!” - -Onder normale omstandigheden zou dit bevel zeker eigenaardig genoeg -hebben moeten klinken in de ooren van een man als Ibrahim Dhâr, die -onder zijn landgenooten groote macht bekleedde, en zeer gezien was. - -De Fellah bedacht zich geen oogenblik, maar begon aanstonds op en neer -te loopen, met afgemeten schreden, en strak voor zich uitziende, -ongeveer als een koorddanser doet, die ook steeds den blik recht voor -zich uit gericht houdt. - -„De duivel hale mij—de kerel loopt net als een pop, die is opgewonden, -een stuk speelgoed—of als een slaapwandelaar—iemand onder hypnose! -Stanley ik vrees dat je ditmaal een groote domheid hebt begaan—een -flater die je wel eens den hals kon breken!” - -De Inlander liep nog maar altijd heen en weer, totdat Stanley op -gedempten toon en ongeduldig beval: - -„Sta stil, kerel—je maakt mij dol met je heen en weer loopen!” - -Aanstonds staakte de Fellah zijn wandeling door het kleine vertrek, en -bleef roerloos op dezelfde plek staan. - -Stanley luisterde, sloop toen naar de deur, rukte ze open—en stond -tegenover twee agenten van politie, die hun revolver op zijn borst -gericht hielden. - -„Geef u over!” beval er een, terwijl hij een stap vooruit deed. „Alle -tegenstand is nutteloos—gij zijt in onze macht!” - -„Dat zullen wij zien!” brulde Stanley. - -Hij sprong haastig weder achteruit, wierp de deur dicht, en ijlde op -het raam toe, zonder zich te bekommeren om den Inlander, die van het -voorval niets scheen te hebben gemerkt, en als uit brons gehouwen op -dezelfde plek was blijven staan. - -Stanley rukte de lap terzijde, die dienst deed als gordijn, en wilde -het raam openduwen, om naar beneden te springen—maar juist toen hij het -raam had geopend, verschenen de hoofden van twee andere agenten boven -den rand, en ook zij waren goed gewapend, en hielden hunnen revolvers -op hem gericht. - -Stanley uitte een vreeselijken vloek, en wilde op een der agenten -vuren, teneinde zich tot iederen prijs een doortocht te banen, maar de -deur achter hem vloog weder open, en Huntley stormde binnen, greep zijn -rechterarm vast, terwijl de beide agenten van politie zich op hem -wierpen. - -Er ontstond een hevige worsteling, want Stanley was een sterk gespierd -man, maar hij begreep wel, dat hij het spoedig zou moeten opgeven. - -„Kom mij te hulp, Ibrahim!” schreeuwde hij. „Wat sta je daar als een -zoutpilaar, man!” - -De Inlander scheen op dit bevel gewacht te hebben want nu pas wierp hij -zich als een tijger op Huntley, die er juist in geslaagd was, Stanley -zijn revolver te ontrukken. - -De Inlander kon geen gebruik maken van zijn vreeselijk wapen, dat -Raffles hem had ontnomen, en waarschijnlijk had de commissaris van -politie slechts aan deze omstandigheid het behoud van zijn leven te -danken. - -Hij slaagde er nu in, den Inlander van zich af te werpen, en toen deze -weder kwam toestormen, bracht hij hem met de kolf van de revolver een -slag terzijde van het hoofd toe, die hem neervelde. - -Stanley begreep, dat iedere tegenstand verder nutteloos zou zijn, nu -reeds had hij er bitter berouw van, dat hij, toen Ibrahim zijn argwaan -had gaande gemaakt, niet op een andere wijze was opgetreden, want nu -zou het onmogelijk zijn, al hetgeen de Inlander zooeven had gezegd, en -ook zijn eigen woorden als een onschuldig gesprek te doen voorkomen—hij -kon er namelijk wel zeker van zijn, dat daarvan geen enkel woord -ontgaan was aan den commissaris van politie en zijn manschappen. - -Toch besloot hij, tot het einde te blijven strijden en daarbij gebruik -te maken van de omstandigheid, dat de Inlander klaarblijkelijk onder -hypnose was. - -Hij wist zich zoo goed mogelijk te bedwingen, toen hij het geglinster -van de stalen boeien om zijn polsen zag, richtte zich trotsch op, en -vroeg terwijl hij zich tot Huntley wendde: - -„Wilt gij mij eens zeggen wat dit alles te beteekenen heeft, mijnheer?” - -„Kom, mijn waarde heer, laat dien toon en die houding varen!” zeide -Huntley spottend. „Het dient tot niets om te loochenen! Drie mannen -achter de deur verborgen, hebben woord voor woord gehoord wat hier -gesproken is,—en ik acht mij ten volle verantwoordelijk als ik u in -arrest houd, en u naar Londen laat transporteeren, waar Scotland-Yard -wel beter op de hoogte zal zijn van uw levensloop dan wij hier!” - -„Maar gij hebt niet het recht mij in arrest te houden!” riep Stanley op -heftigen toon. „Ik ben een Engelsch burger, en gij kunt mij volstrekt -niets ten laste leggen!” - -„In ieder geval kunnen wij u ten laste leggen, dat gij u tegen de -politie verzet hebt, en zelfs een mijner mannen had willen -neerschieten! Dat is al ruimschoots voldoende! Maar al had gij dat niet -gedaan—die Inlander daarginds, die mijn mannen bezig zijn te binden, -daar hij weder uit zijn bewusteloosheid ontwaakt, heeft u aangesproken -met een naam, die ook hier te Caïro ook maar al te bekend is!” - -„Die Inlander verkeerde onder hypnose!” riep Stanley uit. „Laat maar -aanstonds een geneesheer ontbieden, die direct mijn verklaring zal -bevestigen!” - -„Hypnose of niet—gij waart in ieder geval volkomen bij uw positieven, -nietwaar?” hernam Huntley. „Gij hebt pas op de laatste oogenblikken -vermoed, wat er met dezen man geschied was, en of gij daarin gelijk -hebt of niet, gij hebt zelf dingen gezegd en gevraagd, die maar al te -zeer bewijzen bijbrengen voor uw identiteit! Kortom mijnheer -Stanley—gij zijt mijn gevangene en ik zou u aanraden u vooral niet te -verzetten, want het zou u kunnen berouwen!” - -Juist nu op dit oogenblik ontwaakte de Inlander uit zijn -bewusteloosheid, veroorzaakt door den slag met de revolver tegen zijn -slaap. - -Hij trachtte zich op te richten, en merkte toen pas, dat hij aan enkels -en polsen geboeid was. - -De ontdekking daarvan scheen hem echter tamelijk onverschillig te -laten, en hij keek met doffe oogen, en blijkbaar zonder eenige -belangstelling de aanwezigen aan. - -„Gij ziet wel, dat deze man onder den invloed van derden moet zijn!” -riep Stanley uit. „Kijk maar eens naar zijn oogen, naar zijn -zonderlinge bewegingen en let op zijn onverschilligheid, nu hij zich -gevangen weet.” - -Maar de commissaris van politie haalde koeltjes de schouders op, en -sprak: - -„Wij zullen wel zien! Maar het doet er voor mij niets toe, of deze man -inderdaad gehypnotiseerd is, of door een ander gedwongen te doen wat -hij deed—het pleit sterk tegen u, dat gij in zijn gezelschap zijt -geweest!” - -De commissaris wendde zich nu tot den Fellah, en begon: - -„Hoe is je naam?” - -„Ibrahim Dhâr, Sahib!” antwoordde de Inlander zonder aarzelen. - -„Je hebt immers nog gevangenschap te goed?” - -„Ja Sahib!” - -„Hoeveel?” - -„Twaalf jaren dwangarbeid!” - -„Waarom?” - -„Wegens een moordaanslag op een Europeaan, vier jaren geleden!” - -„Je weet natuurlijk dat er ook nog andere beschuldigingen tegen je -waren ingebracht!” - -„Ik weet het, Sahib!” - -Huntley wees thans naar Stanley, die met bleek gelaat had -toegeluisterd, en vervolgde: - -„Ken je dien man daarginds?” - -De Inlander wendde nu zijn blikken in de richting van den Meester, en -antwoordde toen: - -„Ik ken hem zeer goed, Sahib!” - -„Sedert hoe lang?” - -„Sedert drie jaren, Sahib!” - -„Wie en wat is hij?” - -„Zijn naam is Irwin Stanley, hij woont te Londen, en hij werd eenige -maanden geleden gekozen tot aanvoerder van het Genootschap van den -Gouden Sleutel.” - -„Hij liegt!” schreeuwde Stanley terwijl hij een paar stappen naar voren -deed. - -Zijn gelaat was grasgroen geworden, en zijn oogen dreigden hem uit het -hoofd te puilen. - -Het was hem duidelijk geworden, dat er op dit oogenblik om zijn leven -gestreden moest worden. - -Elke seconde kon het noodlottig antwoord komen op een vraag van den -commissaris van politie, het antwoord, dat zijn doodvonnis zou -beteekenen, want de Inlander wist omstreeks alles van zijn verleden. - -Huntley legde zijn gevangene met een streng gebaar het stilzwijgen op -en hernam nu, terwijl hij zich opnieuw tot den Fellah wendde: - -„Hebt gij inderdaad een telegram in geheime taal aan dezen man -gezonden?” - -„Ja, Sahib.” - -„Hoe luidde de inhoud van het telegram?” - -„„Meester, Uw overkomst dringend noodzakelijk. John Raffles hier gezien -met de vrouw. Aanslag op haar mislukt. Ik volg Raffles voet voor voet. -Verblijfplaats van de vrouw onbekend.” En daarop volgde mijn naam, -eveneens in geheimschrift.” - -Terwijl de Inlander antwoordde, had de commissaris van politie den -brief van Raffles te voorschijn gehaald, en hij bemerkte nu dat het -antwoord van den Inlander woordelijk overeen kwam met hetgeen daarin -vermeld stond. - -Hij kon er dus geen seconde aan twijfelen, of die andere vijand van de -politie, de Gentleman-Inbreker, was wel degelijk hier en uitstekend op -de hoogte geweest van alles wat de Inlander gedaan had en wilde doen. - -Hij borg den brief weder zorgvuldig op, na hem nog even te hebben -geraadpleegd en wendde zich weder tot den Inlander met de vraag: - -„Kent gij John Raffles?” - -„Ja, Sahib.” - -„Wanneer hebt gij hem voor het eerst ontmoet?” - -„Ongeveer een week geleden, Sahib.” - -„Deel mij de omstandigheden mede, waarop dit plaats vond.” - -„Maar gij zult toch geen geloof hechten aan de wartaal van dien -Inlander?” zeide Stanley, terwijl zijn oogen bliksems schoten. - -„Tot op dit oogenblik, mijnheer Stanley, kan ik niet zeggen dat deze -man wartaal praat,” herhaalde de commissaris koel. „Integendeel, ik -vind dat alles wat hij zegt volkomen begrijpelijk en heel duidelijk is, -en nu zou ik u wel willen verzoeken, mij niet meer in de rede te -vallen. Gij zult ten volle gelegenheid krijgen, u te verdedigen. Uw -verhaal, Ibrahim Dhâr.” - -De Fellah leunde met het naakte bovenlijf tegen den wand van het -vertrek, sloot half de oogen en begon opnieuw en met letterlijk -dezelfde woorden als zooeven aan den meester, het verhaal te doen van -dezelfde wederwaardigheden, die aan de lezers reeds bekend zijn. - -De commissaris luisterde aandachtig toe en maakte nu en dan snel eenige -aanteekeningen. - -En weer begon Ibrahim Dhâr te stamelen, toen hij aan het oogenblik -genaderd was, waarop Raffles hem de injectie toediende en er was verder -geen woord meer uit hem te krijgen. Zijn geheugen was hem volkomen -omsluierd. - -De commissaris van politie klapte zijn boekje dicht, beet op zijn -potlood en zeide toen half voor zich heen: - -„Het lijkt inderdaad wel, of deze man onder hypnose gehandeld heeft, en -dan natuurlijk onder die van Raffles. Het laat zich ook anders bijna -niet verklaren hoe de Groote Onbekende alles zoo nauwkeurig wist en hoe -deze Inlander zich weder in vrijheid heeft weten te stellen, nadat hij -zich reeds eenmaal in de handen van Raffles had bevonden. Er begint mij -reeds veel duidelijk te worden in deze zaak. Raffles heeft zich op deze -wijze van een uiterst gevaarlijken vijand willen ontdoen en ik geloof, -dat hij er goed in geslaagd is ook.” - -Hij wendde zich nu opnieuw tot Stanley, keek hem een oogenblik -aandachtig aan en zeide toen: - -„Nu moogt gij uw opmerkingen maken. Wat hebt gij aangaande de -verklaringen van dezen misdadiger, die tot uw vrienden schijnt te -behooren, te zeggen?” - -„Alleen, dat hij alles van A tot Z gelogen heeft,” antwoordde de -Meester op woesten toon. - -De commissaris haalde de schouders op en hij hernam op schamperen toon: - -„Als ik u was, mijnheer Stanley, zou ik deze methode om u vrij te -pleiten maar spoedig laten varen. Zij dient tot niets. Er is namelijk -nog iemand anders wiens verklaringen die van den Inlander volkomen -dekken en welke ik, hoe zonderling het ook moge klinken, als de volle -waarheid aanvaard. De naam van dien man is John Raffles. Hebt gij dien -ooit gehoord?” - -„Te Londen kent men dien naam zeer goed, mijnheer. Het is de naam van -een dief, van een inbreker.” - -„Toegegeven, doch van een gentleman. Ik heb in mijn bezit een schrijven -van hem, waarin hij mij uitvoerig aankondigde juist al hetgene, wat -zich hier thans in het huis heeft afgespeeld. En daar hij over u -volstrekt geen macht kon uitoefenen, daar gij als het ware regelrecht -uit Londen hier zijt gekomen, heb ik geen reden om aan de -waarachtigheid van zijn woorden te twijfelen.” - -„Ik blijf ontkennen,” riep Stanley uit. „Ik ken den naam van Raffles -slechts van hooren zeggen. Ik weet niet wat hij van mij wil.” - -„Dat zullen wij dan voorloopig laten varen, mijnheer Stanley. Maar gij -zult toch zeker niet willen ontkennen, dat gij uit Londen zijt -vertrokken, onmiddellijk na ontvangst van het telegram van Ibrahim -Dhâr?” - -En daar Stanley bleef zwijgen, hernam de commissaris spottend: - -„Het zou u ook weinig baten, om het te ontkennen. Gij zijt den geheelen -weg langs, van het oogenblik af, waarop gij uw huis verliet in de -Kappel-Street, gevolgd en in het oog gehouden. Men is op de hoogte van -uw minste stappen. Kortom, alles wat gij deed, alles wat gij hier -gezegd hebt, pleit ten sterkste tegen u. En gij zult u te Londen hebben -te verantwoorden, dat is alles, wat ik u voor het oogenblik te zeggen -heb. Voer de beide mannen weg, agenten.” - - - - - - - - -DE ONTVLUCHTING. - - -Raffles, Charly en Henderson hadden zich veilig weder terug getrokken -in het dichte boschje, dat zich tegenover het huis bevond, waarin zich -dat alles had afgespeeld. - -Het raam was open gebleven en zij hadden gemakkelijk bijna alles kunnen -volgen, wat er geschied was. - -En toen Raffles zag, hoe Stanley geboeid werd weggeleid en in -gezelschap van Ibrahim Dhâr werd overgebracht naar de auto, welke -verschenen was op het fluitsein van den commissaris, en die tot dien -tijd verdekt opgesteld was geweest achter een kromming van den zijweg, -glimlachte hij voor zich heen en zeide op zachten toon tot Charly: - -„Wanneer niet alle kenteekenen ons bedriegen, dan mogen wij het er wel -voor houden, dat thans het rijk van Irwin Stanley teneinde is, -tenminste, wanneer men in Londen geen ezelachtigheden begaat, waartoe -ik zelfs Scotland Yard niet in staat acht.” - -„Je hebt de partij voortreffelijk gespeeld, Edward, en ik geloof zeker, -dat je haar gewonnen hebt,” gaf Charly ten antwoord, op wiens jong -gelaat een uitdrukking van groote opluchting en voldoening te lezen -was. „Er is ons nu een groote last van de schouders genomen en het zal -zeker niet lang meer duren, of ook deze aanvoerder van het Genootschap -van den Gouden Sleutel zal binnen niet al te langen tijd door het -hennepen venster moeten kijken. Wat zullen wij nu doen, Raffles?” - -„Eenvoudig toezien, wat er met onzen man geschiedt. Ik zal niet gerust -zijn, voor hij veilig en wel in een van de stevigste gevangenissen van -Londen zit opgesloten, en zelfs dan zal ik nog altijd vrees moeten -koesteren voor een ontsnapping, want die Stanley heeft ontelbare -connecties onder alle kringen der maatschappij, en al kan men er wel -van op aan, dat gelukkig al onze cipiers betrouwbaar zijn, er kunnen -toch in de gevangenis, zoowel als daarbuiten personen te vinden zijn, -die alles in het werk stellen om den schurk weder te bevrijden. Wij -hebben hier niets meer te doen. Ik heb je reeds gezegd, dat ik Eleonore -Manoury gedurende den tijd, dat wij op de komst van Stanley moesten -wachten, met behulp van onze vliegmachine naar het diamanteiland heb -overgebracht, waar zij voorloopig gezelschap genoeg heeft aan Sonja, -mijn Armenische beschermelinge, die zich daar uit eigen beweging met -twee van haar dienstmaagden heeft terug getrokken.” - -„Omdat zij je lief had, Raffles,” zeide Charly op zachten, eenigszins -verwijtenden toon, „en omdat zij meende, je op die wijze het best haar -dankbaarheid te kunnen betuigen, nadat je haar bevrijd had uit de -klauwen van haar Turkschen achtervolger. En nu, nu is er op het eenzame -eiland een tweede vrouw gekomen, die eveneens alleen het beeld van John -Raffles in haar hart draagt. Nu kunnen die beide vrouwen met elkander -praten over je ongenaakbaarheid en je koelheid.” - -„Welnu, dan hebben ze althans een onderwerp tot gesprek, dat niet zoo -spoedig uitgeput zal zijn,” kwam Raffles koeltjes. „In ieder geval zal -Eleonore Manoury daarginds buiten ieder bereik zijn van eenig lid van -de bende, en dat is de hoofdzaak. En wanneer haar inderdaad gevoelens -voor mij bezielen, die jij haar toeschrijft, dan zullen die daar in de -eenzaamheid wel slijten, hetgeen voor alle partijen verreweg het beste -is.” - -Charly schudde het hoofd, maar hij gaf geen antwoord. - -Raffles wenkte Henderson, die een weinig achter was gebleven en de drie -mannen begaven zich haastig naar den kleinen renwagen, waarvoor Charly -reeds gezorgd had, en stapten in, teneinde de politieauto op veiligen -afstand te volgen. - -Zooals Raffles wel vermoed had, werden de beide gevangenen naar een der -gevangenissen van Caïro overgebracht en men kon slechts hopen, dat dit -gebouw stevig en veilig genoeg zou blijken om den Meester iedere poging -tot ontvluchting onmogelijk te maken. - -Pas toen de deuren met een hoog geluid achter de politieauto waren -dicht gevallen dacht Raffles er aan een welverdiende nachtrust te gaan -genieten, want het was hem bekend, dat men pas over twee dagen den -verdachte naar Londen zou brengen, omdat er niet voor dien tijd een -schip vertrok dat regelrecht op een Indische haven voer, en alleen -Brindisi, Genua en Bordeaux aandeed. - -Henderson kreeg dus bevel naar het Hotel des Anglais te rijden. Toen de -auto weder in beweging kwam, dook er een Inlander uit de schaduw van de -gevangenis op, die dreigend de vuist tegen het gebouw schudde en zich -daarop snel als een wezel en even onhoorbaar verwijderde.... - -Deze man was een bloedverwant van Ibrahim Dhâr en het toeval, het -noodlot misschien had hem dien nacht laat in de buurt van de gevangenis -gebracht en hij had niet alleen zijn verwant, maar ook den Meester -herkend, toen deze in de politieauto gezeten, geboeid en machteloos het -gebouw waren binnen gebracht.... - -Toen Raffles in den loop van den volgenden middag een der plaatselijke -bladen opsloeg en er eenigen tijd in gelezen had, met Charly Brand in -de conversatiezaal van het groote hotel gezeten, trok zijn voorhoofd -zich in rimpels en hij schudde mismoedig het hoofd, toen hij zeide: - -„Ze schijnen toch onverbeterlijk te zijn. Het is merkwaardig dat de -politie letterlijk geen gelegenheid laat gaan, om haar mond voorbij te -praten.” - -„Heeft zij het aan het pers medegedeeld?” vroeg Charly. - -„In geuren en kleuren. Zoo uitgebreid als maar mogelijk is en wij -zouden de Engelsche pers niet moeten kennen, om aanstonds te beseffen, -dat die heeren verslaggevers zich niet tevreden hebben gesteld met deze -inlichtingen, maar dadelijk hun fantasie aan het werk hebben gezet en -aldus de zaak een geheimzinnig tintje hebben gegeven, zonder welke de -Engelsche krantenlezer het nu eenmaal niet schijnt te kunnen stellen.” - -„Wordt je naam er in genoemd?” - -„O, ja, herhaalde malen. Als ik tooneelspeler was, zou ik alle reden -hebben om tevreden te zijn over mijn kritiek.” - -„En wat denken de heeren van de Caïro Times over de arrestatie van -Stanley.” - -„O, ook in dat opzicht heb ik geen reden tot klagen. Het blad twijfelt -er geen seconde aan, of ik heb het bij het rechte eind gehad en die -Irwin Stanley is wel degelijk de vierde Meester van het gevaarlijke -genootschap, waarvan men hier al evenveel last schijnt te hebben als te -Londen. Intusschen kan ik het nut van deze publiciteit niet inzien. -Integendeel, ik acht het zeer schadelijk, want met iemand als Irwin -Stanley en met een organisatie als die van den Gouden Sleutel kan men -niet voorzichtig genoeg zijn, en moet men iedere kans vermijden, dat er -pogingen in het werk zullen worden gesteld, om hem uit de gevangenis te -bevrijden. Gelukkig dat het bericht pas hedenmiddag verscheen en dat de -boot, de „Prince Albert”, reeds morgenochtend vroeg vertrekt.” - -„Vertrekken wij met hetzelfde schip?” - -„Ja.” - -„En onze duivel der lucht? De vliegmachine?” - -„Henderson zal het toestel wel alleen naar Londen terug brengen. Het is -hem ten volle toevertrouwd.” - -Aldus werd gehandeld en op dienzelfden middag steeg de reus van het -landingsterrein bij Caïro op, om eenige uren later bij Hendon veilig -weer te dalen, het toestel te stallen en zich naar het huis in de -Regentstreet te begeven. - -Raffles en Charly hadden intusschen door bemiddeling van de -hoteldirectie passagebiljetten genomen aan boord van de „Prince -Albert”, die den volgenden morgen om zeven uur in den ochtend zou -vertrekken. Maar reeds om elf uur in den avond begaven zij zich aan -boord, zooals werd toegestaan, zoodanig vermomd, dat er van een -herkenning volstrekt geen sprake kon zijn, en met het doel goed acht te -kunnen slaan op alles wat er aan boord gebeurde. - -Het was nog geen half uur later, of de groote politieauto kwam -aanrijden en hield stil voor den langen steiger, waaraan de „Prince -Albert” gemeerd lag. - -Vier agenten stegen uit, die een geboeid man omringden en zij herkenden -hem onmiddellijk. Het was Irwin Stanley, die aan boord van het -Engelsche schip gebracht werd. - -De kleine groep, voorafgegaan door den commissaris van politie, liep -snel over den steiger en besteeg de loopplank naar het voordek, waarbij -de gevangene stevig aan weerszijden werd vast gehouden. - -Aan het dek werd Stanley in ontvangst genomen door den eersten -dekofficier, de noodige papieren werden ingevuld en gewisseld, en -tenslotte verscheen nog een kleine man, met een grijze reispet op en in -een lichtgele overjas, dat was Hudson, een detective van Scotland Yard, -aan wien de taak was opgedragen den gevangene over te brengen. - -Stanley werd aanstonds naar het cachot gebracht, dat zich in het -vooronder bevond en de detective overtuigde zich persoonlijk, dat de -ijzeren deur goed sloot, dat het slot deugdelijk was, dat er geen -sprake van kon zijn, door het kleine gat, dat met de buitenlucht -correspondeerde te ontsnappen, daar het nauwelijks een hand breed was, -en daarop schoof hij eigenhandig de twee zware grendels voor de deur, -draaide de sleutels in het slot om en glimlachte tevreden. - -Dit alles was zeer snel geschied, maar toch niet zoo vlug of Raffles en -Charly hadden het van het begin tot het einde kunnen volgen. - -Zij hadden zich aanstonds overtuigd van de ligging der cachotten aan -boord van het schip, en zij wisten, waar men den gevaarlijken verdachte -zou opsluiten. - -En nu bleef hen niets anders over, dan hun kajuit op te zoeken en -vervolgens hun krib, om door een goede nachtrust de verloren schade in -te halen. - -Maar het lichten van het anker, het lawaai dat de ketting over de -gangspil veroorzaakte, deed hen weder ontwaken en zij namen haastig een -bad, kleedden zich aan en begaven zich naar het dek. - -Het was een fraaie dag en de zon was reeds boven de kim gestegen. - -Het bleek hen al spoedig dat geen der reizigers iets afwist van de -aanwezigheid van den gevangene aan de „Prince Albert”. Men was althans -zoo verstandig geweest hieraan geen ruchtbaarheid te geven. - -Hudson liep kalm over het dek op en neer, met de handen op den rug -gevouwen en het oog op den steiger gericht. Ook hij had een paar uren -slaap genoten en zich aanstonds overtuigd, dat zijn arrestant nog -altijd op dezelfde plaats zat, geboeid en wel was. - -Raffles en Charly gebruikten het ontbijt in de gemeenschappelijke -eetzaal van de eerste klasse en toen zij weder aan dek kwamen, voer de -„Prince Albert” reeds een der Nijlarmen af, om koers te zetten naar -Alexandria, welke stad zij omstreeks één uur in den middag bereikten. - -Hier werd even aangelegd, om handelsartikelen en een paar reizigers aan -boord te nemen en daarop stevende de „Prince Albert” de Middellandsche -Zee in. - -Raffles en Charly maakten zich den tijd ten nutte door het geheele -schip grondig te onderzoeken. - -Er waren ongeveer tachtig reizigers aan boord, over de drie klassen -verdeeld, en zij poogden van al deze menschen het doel van hun reis, -hun landaard, hun beroep en nog meer bijzonderheden te weten te komen. - -Dat was van de eerste klasse passagiers niet zoo moeilijk, van de -tweede klasse reizigers reeds een weinig lastiger en bij de -tusschendekspassagiers ging het in het geheel niet. - -Daaronder waren Inlanders, Kopten, Arabieren, Mediërs en Fellah’s, een -zwijgend, in zichzelf gekeerd volkje, dat al heel weinig los liet en -daarenboven de Engelsche taal niet, of zeer slecht scheen machtig te -zijn. - -De bemanning van het schip bestond uit negentig koppen, alles -inbegrepen. Van den kapitein tot de bruine en gele stokers toe, Hindoes -en Chineezen, voor het meerendeel. - -Tenslotte wijdden Raffles en Charly hun aandacht aan de cachotten. - -Zij waren allen gelegen aan den eenen kant van de smalle gang, aan het -einde waarvan zich de trap naar het voordek bevond. - -Het was streng verboden deze gang te betreden, ingeval er een gevangene -vervoerd werd en bovendien stond er ditmaal een rechercheur met een -geladen revolver in zijn zak op wacht. - -Toen Raffles dit alles had waargenomen schudde hij het hoofd en zeide: - -„Dat ziet er alles stevig genoeg uit en toch wilde ik maar, dat onze -man goed en wel in de Londensche gevangenis zat, al kan ik werkelijk -niet goed inzien, hoe hij uit dit cachot zou kunnen ontsnappen. - -„Tenminste, wanneer hij geen medeplichtigen aan boord heeft,” merkte -Charly op. - -„Dat is het juist. Dat kan eenvoudig niet worden uitgemaakt. Het is -natuurlijk wel mogelijk, dat er nog na gistermiddag, toen de bladen het -bericht brachten van de arrestatie nieuwe passagiers aan boord zijn -gekomen. Wij zullen het in ieder geval eens onderzoeken.” - -Aldus werd gedaan, maar het resultaat kon niet anders dan -geruststellend heeten. - -Er hadden zich sedert de publicatie van het bericht inderdaad nog vijf -passagiers aangemeld, maar de kapitein kende hen allen reeds vele jaren -als trouwe bezoekers van het zonnige zuiden, op wie zelfs de schijn -eener verdenking, als zouden zij met een man als Stanley in verbinding -staan, geen seconde kon blijven rusten. - -Intusschen zette de „Prince Albert” haar reis onverdroten voort en -tegen den avond van den derden dag kwam Genua in zicht. - -Het was tien uur en de zee was zoo glad als een spiegel. - -De lichten van de stad werden langzamerhand duidelijker en zelfs in de -duisternis kon men ontwaren hoe Genua als het ware ligt aangevlijd -tegen de helling van het gebergte waarop het gebouwd is. - -Raffles en Charly stonden over de verschansing geleund en genoten van -den heerlijken avond, ofschoon het hier al heel wat kouder was, dan in -het zonnige Caïro. - -Maar plotseling, toen de „Prince Albert” reeds vaart verminderde, zagen -de beide mannen tegelijk een donkere gedaante over het dek snellen en -het volgende oogenblik over de verschansing verdwijnen. - -Er liet zich een plons hooren en daarop riep iemand van de bemanning: - -„Man overboord.” - -In een oogwenk was alles in rep en roer. - -Raffles en Charly waren over het dek gesneld in de richting, waar zij -de gedaante hadden zien verdwijnen. - -De kapitein kwam opgewonden toesnellen en de eerste officier had -aanstonds bevel gegeven, een der booten te strijken. - -Maar er scheen iets niet in orde te zijn met de davits, want de sloep -weigerde en bleef op dezelfde plek hangen, toen zij reeds buiten boord -was gedraaid. - -Omdat er een kostbare tijd dreigde te verloopen, werd bevel gegeven een -tweede boot uit te zetten, maar hier deed zich hetzelfde voor—de -katrollen zaten vast en de boot kon niet worden gestreken. - -Raffles had dit alles met een gefronst voorhoofd gadegeslagen en nu -riep hij met stentorstem boven het geschreeuw der zenuwachtige -passagiers uit: - -„Ik zou maar eens eerst naar de cachotten gaan omzien, alvorens mij met -dien drenkeling te bemoeien—ik vermoed dat de man wel goed kan zwemmen, -die daar in het water ligt!” - -Onmiddellijk snelde de tweede stuurman naar het vooronder, hij was nog -nauwelijks de trap geheel ten einde geloopen, of hij begreep reeds dat -de man die zooeven de waarschuwing geroepen had, gelijk had gehad.... - -De deur van het cachot stond open, en niet ver daar vandaan, in een -groote plas bloed, lag het lichaam van den ongelukkigen Hudson, en in -zijn zijde stak een van de vreeselijke kromme dolken, zooals de Fellahs -ze in hun gordels plegen te dragen. - -De man was zeer zwaar gewond, en onmiddellijk moest de scheepsdokter -zijn zorgen aan hem wijden. - -Het onderzoek van de deur wees uit, dat het slot met een gewonen -sleutel van binnen geopend moest zijn, en daar de grendels volstrekt -niet beschadigd waren was het duidelijk dat zij door medeplichtigen -waren terug geschoven, die waarschijnlijk ook den detective -onschadelijk gemaakt had, toen deze op zijn ronde was. - -Dezelfde man had ook den gevangene een vijl in handen weten te spelen, -want men vond de doorgevijlde boeien in het vertrek terug, en hij was -het zeker ook geweest, die het mechaniek onklaar had gemaakt, waarmede -men de reddingsbooten kon uitzetten. - -Er gingen ruim tien minuten voorbij, alvorens men er in slaagde na de -ontdekking van de ontvluchting een der booten te water te laten, die -met acht koppen bemand werd, en die de zee in alle richtingen begon te -doorzoeken. - -Men had een radiogram van boord naar Genua willen zenden, maar ook dit -was onmogelijk gebleken, daar het toestel weigerde te werken—er was een -onderdeel van vernield. - -Een paar uur later keerde de roeiboot terug onverrichter zake, zij had -geen spoor van den vluchteling kunnen ontdekken, die -hoogstwaarschijnlijk was opgenomen door een motorvlet, gereed gehouden -door bij voorbaat gewaarschuwde medeplichtigen in de haven van Genua. - -Toen Raffles en Charly dezen uitslag vernamen, keken zij elkander -zwijgend aan en de Gentleman-Inbreker zeide: - -„Ziedaar het resultaat van voorbarige publicatie! Nu, het zou dwaas -zijn, als oude wijven te jeremieeren over zaken, die toch geen keer -nemen. Iets hebben wij er althans mee gewonnen. Stanley zal het -voortaan niet meer mogelijk zijn, zijn vroeger leven te hervatten—ik -betwijfel of, na alles wat er geschied is, er wel een Londenaar te -vinden zou zijn, idioot genoeg om aan een zaakwaarnemer als dezen zijn -belangen toe te vertrouwen!” - - - - - -*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 0390: ELEONORE -MANOURY *** - -Updated editions will replace the previous one--the old editions will -be renamed. - -Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright -law means that no one owns a United States copyright in these works, -so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the -United States without permission and without paying copyright -royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part -of this license, apply to copying and distributing Project -Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm -concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark, -and may not be used if you charge for an eBook, except by following -the terms of the trademark license, including paying royalties for use -of the Project Gutenberg trademark. If you do not charge anything for -copies of this eBook, complying with the trademark license is very -easy. You may use this eBook for nearly any purpose such as creation -of derivative works, reports, performances and research. Project -Gutenberg eBooks may be modified and printed and given away--you may -do practically ANYTHING in the United States with eBooks not protected -by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the trademark -license, especially commercial redistribution. - -START: FULL LICENSE - -THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK - -To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase "Project -Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full -Project Gutenberg-tm License available with this file or online at -www.gutenberg.org/license. - -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project -Gutenberg-tm electronic works - -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or -destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your -possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a -Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound -by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the -person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph -1.E.8. - -1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this -agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm -electronic works. See paragraph 1.E below. - -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the -Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection -of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual -works in the collection are in the public domain in the United -States. If an individual work is unprotected by copyright law in the -United States and you are located in the United States, we do not -claim a right to prevent you from copying, distributing, performing, -displaying or creating derivative works based on the work as long as -all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope -that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting -free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm -works in compliance with the terms of this agreement for keeping the -Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily -comply with the terms of this agreement by keeping this work in the -same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when -you share it without charge with others. - -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are -in a constant state of change. If you are outside the United States, -check the laws of your country in addition to the terms of this -agreement before downloading, copying, displaying, performing, -distributing or creating derivative works based on this work or any -other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no -representations concerning the copyright status of any work in any -country other than the United States. - -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: - -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other -immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear -prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work -on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the -phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, -performed, viewed, copied or distributed: - - This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and - most other parts of the world at no cost and with almost no - restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it - under the terms of the Project Gutenberg License included with this - eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the - United States, you will have to check the laws of the country where - you are located before using this eBook. - -1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is -derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not -contain a notice indicating that it is posted with permission of the -copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in -the United States without paying any fees or charges. If you are -redistributing or providing access to a work with the phrase "Project -Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply -either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or -obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm -trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any -additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms -will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works -posted with the permission of the copyright holder found at the -beginning of this work. - -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. - -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg-tm License. - -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including -any word processing or hypertext form. However, if you provide access -to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format -other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official -version posted on the official Project Gutenberg-tm website -(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense -to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means -of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain -Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the -full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1. - -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works -provided that: - -* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed - to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has - agreed to donate royalties under this paragraph to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid - within 60 days following each date on which you prepare (or are - legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty - payments should be clearly marked as such and sent to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in - Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg - Literary Archive Foundation." - -* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm - License. You must require such a user to return or destroy all - copies of the works possessed in a physical medium and discontinue - all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm - works. - -* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of - any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days of - receipt of the work. - -* You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg-tm works. - -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project -Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than -are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing -from the Project Gutenberg Literary Archive Foundation, the manager of -the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the Foundation as set -forth in Section 3 below. - -1.F. - -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -works not protected by U.S. copyright law in creating the Project -Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm -electronic works, and the medium on which they may be stored, may -contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate -or corrupt data, transcription errors, a copyright or other -intellectual property infringement, a defective or damaged disk or -other medium, a computer virus, or computer codes that damage or -cannot be read by your equipment. - -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right -of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. - -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium -with your written explanation. The person or entity that provided you -with the defective work may elect to provide a replacement copy in -lieu of a refund. If you received the work electronically, the person -or entity providing it to you may choose to give you a second -opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If -the second copy is also defective, you may demand a refund in writing -without further opportunities to fix the problem. - -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO -OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT -LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. - -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of -damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement -violates the law of the state applicable to this agreement, the -agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or -limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or -unenforceability of any provision of this agreement shall not void the -remaining provisions. - -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in -accordance with this agreement, and any volunteers associated with the -production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm -electronic works, harmless from all liability, costs and expenses, -including legal fees, that arise directly or indirectly from any of -the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this -or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or -additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any -Defect you cause. - -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm - -Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of -computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It -exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations -from people in all walks of life. - -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's -goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg-tm and future -generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see -Sections 3 and 4 and the Foundation information page at -www.gutenberg.org - -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation - -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non-profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by -U.S. federal laws and your state's laws. - -The Foundation's business office is located at 809 North 1500 West, -Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up -to date contact information can be found at the Foundation's website -and official page at www.gutenberg.org/contact - -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation - -Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without -widespread public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine-readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. - -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To SEND -DONATIONS or determine the status of compliance for any particular -state visit www.gutenberg.org/donate - -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. - -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. - -Please check the Project Gutenberg web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. To -donate, please visit: www.gutenberg.org/donate - -Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works - -Professor Michael S. Hart was the originator of the Project -Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be -freely shared with anyone. For forty years, he produced and -distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of -volunteer support. - -Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in -the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not -necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper -edition. - -Most people start at our website which has the main PG search -facility: www.gutenberg.org - -This website includes information about Project Gutenberg-tm, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. |
