diff options
| author | nfenwick <nfenwick@pglaf.org> | 2025-01-22 11:05:09 -0800 |
|---|---|---|
| committer | nfenwick <nfenwick@pglaf.org> | 2025-01-22 11:05:09 -0800 |
| commit | 246c262993ca70bce010aad062490f1da6d9194a (patch) | |
| tree | b907d850fd6d7f2301e3961765ebb30f4156fb02 | |
| parent | b856023f2a3d673528b863d3473e3560d0edac7f (diff) | |
| -rw-r--r-- | .gitattributes | 4 | ||||
| -rw-r--r-- | LICENSE.txt | 11 | ||||
| -rw-r--r-- | README.md | 2 | ||||
| -rw-r--r-- | old/66784-0.txt | 3176 | ||||
| -rw-r--r-- | old/66784-0.zip | bin | 41539 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/66784-h.zip | bin | 213172 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/66784-h/66784-h.htm | 4437 | ||||
| -rw-r--r-- | old/66784-h/images/lordlister.png | bin | 36856 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/66784-h/images/lordlister0007-front.jpg | bin | 108470 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/66784-h/images/p0007-01.png | bin | 15717 -> 0 bytes |
10 files changed, 17 insertions, 7613 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes new file mode 100644 index 0000000..d7b82bc --- /dev/null +++ b/.gitattributes @@ -0,0 +1,4 @@ +*.txt text eol=lf +*.htm text eol=lf +*.html text eol=lf +*.md text eol=lf diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt new file mode 100644 index 0000000..6312041 --- /dev/null +++ b/LICENSE.txt @@ -0,0 +1,11 @@ +This eBook, including all associated images, markup, improvements, +metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be +in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES. + +Procedures for determining public domain status are described in +the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org. + +No investigation has been made concerning possible copyrights in +jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize +this eBook outside of the United States should confirm copyright +status under the laws that apply to them. diff --git a/README.md b/README.md new file mode 100644 index 0000000..5e7cd48 --- /dev/null +++ b/README.md @@ -0,0 +1,2 @@ +Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for +eBook #66784 (https://www.gutenberg.org/ebooks/66784) diff --git a/old/66784-0.txt b/old/66784-0.txt deleted file mode 100644 index daa1b59..0000000 --- a/old/66784-0.txt +++ /dev/null @@ -1,3176 +0,0 @@ -The Project Gutenberg eBook of Lord Lister No. 7: De speelvorst van Monaco, -by Kurt Matull - -This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and -most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions -whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms -of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at -www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you -will have to check the laws of the country where you are located before -using this eBook. - -Title: Lord Lister No. 7: De speelvorst van Monaco - -Author: Kurt Matull - Theo Blakensee - -Release Date: November 21, 2021 [eBook #66784] - -Language: Dutch - -Character set encoding: UTF-8 - -Produced by: The Online Distributed Proofreading Team at - https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg. - -*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 7: DE SPEELVORST -VAN MONACO *** - - - - LORD LISTER - GENAAMD RAFFLES - DE GROOTE ONBEKENDE. - - NO. 7 DE SPEELVORST VAN MONACO. - - - - - - - - -DE SPEELVORST VAN MONACO. - - -EERSTE HOOFDSTUK. - -EEN OFFER VAN DE SPEELHOLEN. - - -„Het is toch een wonderlijk plekje gronds, dat Monte-Carlo en terecht -een paradijs,” sprak Charly Brand tot zijn vriend en gebieder lord -Lister, of, zooals hij werd genoemd, John Raffles. „Het gezicht op de -diepblauwe zee met dien eeuwig lachend-blauwen hemel is gewoon weg -verrukkelijk.” - -„Je hebt gelijk, Charly. Het is heerlijk, hier op het terras van het -„Café de Paris” te zitten en onbezorgd zijn sigaret te kunnen rooken.” - -Bij deze woorden blies Raffles een aantal van de mooiste kringetjes de -lucht in, die vervaagden in de ruimte. - -„En toch geldt ook hier het spreekwoord: „men wandelt niet ongestraft -onder palmen.” - -„Ik zou niet weten welke schaduwzijde er kleeft aan ons verblijf hier!” -antwoordde de secretaris, terwijl hij zijn meester vragend aankeek. - -„Ons? Hm? Ons bedoelde ik ook niet! Maar denk eens aan al die -honderden, die duizenden, die aan den speel duivel zijn overgeleverd en -die geen rust hebben, voordat ze heelemaal geruïneerd zijn! De gedachte -aan die rampzalige slachtoffers is toch wel in staat een druppel -weemoed te werpen in het genot van deze schoone omgeving.” - -„Meen je inderdaad, Edward, dat het zóó erg is?” - -„Helaas, ja!” - -„Er verloopt bijna geen dag zonder dat men hier onder de palmen iemand -vindt, die een eind maakte aan zijn verwoest leven.” - -„Vreeselijk!” - -„Allen verliezen ze hun kapitaal en ze rusten niet, voordat ze hun -laatste centime verspeeld hebben!” - -„Dat is toch hun eigen schuld!” - -„Ja, feitelijk wel! Maar toch zijn ze niet allemaal te veroordeelen. -Het spel is een geweldige hartstocht. Slechts weinigen kunnen daaraan -weerstand bieden, als—ze eens het genot gesmaakt hebben.” - -„Dan zal ik maar liever heelemaal niet ermee beginnen,” antwoordde -Brand met schuwen blik naar het Casino, dat, overgoten door zonnegoud, -prachtig afstak tegen het azuur van den hemel en het groen der palmen. - -„Kijk eens hoe ze stroomen naar de speelzaal, alsof ze niet gauw genoeg -hun ongeluk kunnen te gemoet gaan!” - -„Ik heb er altijd het land aan gehad, Charly! Kom laat ons een eindje -in het park gaan wandelen!” - -Raffles betaalde de koffie. - -Daarna stond het tweetal op en verliet het terras met zijn gewemel van -menschen. - -De vrienden wandelden naar stille, bekoorlijke plekjes en Charly wilde -reeds weer allerlei uitroepen slaken van bewondering, toen plotseling -de hand van den grooten onbekende zwaar drukte op zijn arm. - -De secretaris keek zijn vriend verbaasd aan. - -Raffles had zijn sigaret uit den mond laten vallen. - -Wat zou er gebeurd zijn? - -Charly zou niet langer in twijfel blijven verkeeren. - -Reeds in het volgende oogenblik snelde lord Lister naar een palmgroep -toe. - -Verbaasd keek Brand toe naar wat gebeuren ging. - -Hij zag, dat Raffles zijn zakmes te voorschijn haalde, het opende en -vlug als een kat in den palmboom klom. - -In het volgende oogenblik zag Brand een zwarte schaduw door de lucht -glijden. - -Was het een menschelijk lichaam geweest? - -Raffles misschien? - -Neen! - -Deze sprong van den palmboom af en bukte zich ter aarde. - -Brand haastte zich naar de plaats, waar hij den vriend zoo juist had -zien verdwijnen achter een groep aloë’s en kaktussen. - -Wat hij daar zag, was niet in staat hem te kalmeeren. - -Raffles knielde er neer bij het uitgestrekte lichaam van een jongeman, -die, naar zijn uiterlijk te oordeelen, tot den voornamen stand moest -behooren. - -Zijn lang, smal gezicht, de vorm van zijn mond en zijn lichtblond haar -teekenden duidelijk den Engelschman. - -Het jonge gelaat toonde echter eenige rimpels, die wezen op zware -zorgen. - -Raffles was bezig den jongeman, die nog niet dood was, in het leven -terug te roepen. - -Hij had een fleschje te voorschijn gehaald en voorhoofd en slapen van -den vreemdeling met den inhoud ervan ingewreven. - -Daarna bewerkte hij de borst van den ongelukkige. - -„Leeft hij nog?” vroeg Brand. - -„Ik hoop het! Zijn lichaam is nog warm. Help mij, Charly, hier, wrijf -zijn zijden! Het hart moet weer gaan werken!” - -Charly Brand was verbluft. - -Maar hij poogde zich zoodra mogelijk weer te herstellen en hij knielde -neer bij den ongelukkige, om zoodra mogelijk hulp te verleenen. - -„Ik hoop hem nog in het leven te behouden; de arme kerel!” sprak lord -Lister. - -„Zou het ook alweer een slachtoffer zijn van daarginds, Edward?” - -„Natuurlijk! En het zal ook niet het laatste offer zijn. Kijk eens! -Zijn borst begint waarachtig weer op en neer te gaan! Masseer hem -flink, vooral in de hartstreek, maar voorzichtig, niet drukken!” - -Charly deed, wat hem gevraagd was en werkte, alsof hij zijn heele leven -masseur was geweest. - -Raffles boog het hoofd over het uitgestrekte lichaam. - -Aandachtig luisterde hij. - -„Hij leeft!” riep hij toen uit met verheugd gelaat, „hij leeft, Charly, -ga door met je werk! Wij moeten dien ongelukkigen kerel weer in het -leven terugroepen! Hem redden van den dood, die zijn dorre, knokige -vingers reeds naar hem had uitgestrekt.” - -Lord Lister goot nu een paar druppels Eau de Cologne in den mond van -den jongeman, die nog altijd bewusteloos lag uitgestrekt. - -Nog eens wreef hij hem voorhoofd en slapen en zag toen met schitterende -oogen, dat de kleur terugkeerde op de wangen van den ongelukkige. - -„Kijk, Charly, kijk! Hij krijgt een kleur!” - -Raffles hielp nu mee masseeren en al spoedig smaakte het tweetal de -voldoening, dat de bewustelooze een diepen zucht slaakte. - -Zijn borst begon te beven en plotseling sloeg hij de oogen op. - -Het waren twee blauwe oogen met een uitdrukking vol droefheid. - -Verwonderd keken ze de redders aan. - -„Waar ben ik?” fluisterde de vreemde in het Engelsch. - -„Onder vrienden,” antwoordde Raffles in dezelfde taal. - -De ander zweeg. - -Toen, plotseling, werd hij zich van zijn toestand bewust en hij -herinnerde zich wat hem in den dood had gedreven. - -Hij wierp zich met het gelaat ter aarde en brak los in krampachtig -snikken. - -„Waarom hebt ge mij niet laten sterven?” riep hij uit in woeste smart. - -„Wat moet ik nog op de wereld doen? Ik ben geruïneerd! Laat mij! Laat -mij sterven!” - -Charly wilde den ongelukkige overeind helpen. - -John Raffles echter wenkte hem dit niet te doen. - -„Laat hem liggen,” fluisterde hij, „zijn smart moet uitwoeden en eerst -als deze heeft uitgeraasd, zullen wij eens verstandig met den jongeling -spreken. Doe nu niets, dat hem zou kunnen vertoornen!” - -Bedaard ging lord Lister naast den ongelukkige in het gras zitten. - -Charly Brand schudde het hoofd. - -Hij kon die bedaardheid van zijn vriend en meester niet goed begrijpen. - -De ongelukkige Engelschman snikte nog steeds voort met krampachtige -schokken en een paar keer wilde hij opspringen om opnieuw zelfmoord te -plegen. - -Maar Raffles drukte hem dan telkens weer met zacht geweld omlaag en -legde zijn koele hand op het brandende voorhoofd van den ongelukkige. - -Eindelijk werd deze wat kalmer. - -Een verlichtende tranenstroom vloeide hem over de wangen en hij werd -zoo zacht en leidzaam als een kind. - -Dat was juist de stemming, die de groote onbekende had willen -afwachten. - -Nu kon hij praten met den ongelukkige, wiens lichamelijke redding hem -tenminste reeds gelukt was. - - - - - - - - -TWEEDE HOOFDSTUK. - -VAN DEN DOOD GERED. - - -Lord Lister gaf zijn vriend een wenk met de oogen en deze ging aan den -anderen kant staan van den ongelukkigen jongeman. - -Daarna tilden zij hem op en gingen met hem weg. - -De eerste schreden van den jeugdigen zelfmoordenaar waren nog wankel en -onzeker. - -Maar geleid door zijn beide vrienden wist hij spoedig zich weer te -herstellen. - -„Kom mee,” sprak Raffles op vriendelijken, zachten toon, „wij zullen -met de tandradbaan naar boven rijden, daar hebben we een heerlijk -uitzicht over de zee.” - -Charly brandde van nieuwsgierigheid om iets naders te vernemen. - -Hij kon zijn ongeduld nauwelijks bedwingen en vond, dat zijn meester -wel een beetje al te veel notitie nam van den jongeman. - -Het was immers niets bijzonders, dat in het park te Monte Carlo iemand -zich doodschoot of ophing. Zoo iets kwam bijna elken dag voor, maar men -sprak er niet van. - -„Wie zijt gij eigenlijk, heeren?” vroeg de jonge Engelschman eindelijk, -„ge stelt zooveel belang in mij, die u volkomen vreemd is.” - -„Gij zijt een ongelukkig slachtoffer van het speelhol daar beneden”, -antwoordde lord Lister, „dat is al voldoende om sympathie voor u te -gevoelen. Maar gij zijt buitendien Engelschman evenals wij en nog zoo -jong, dat ge onmogelijk met het leven nu reeds kunt hebben afgerekend. -Sta mij toe, dat ik ons aan u voorstel. Ik ben lord Lister, deze heer, -mijn vriend en secretaris, heet Charly Brand. Wij zijn beiden -Londenaars.” - -„Londenaars? Maar dat is prettig, dat is heerlijk! Dan zal u ook zeker -mijn naam niet onbekend zijn, ik ben de jonge lord Montefiore.” - -„Wel, dan behoort ge tot de rijkste Engelsche families!” zei Raffles. - -„Ik heb er toe behoord,” sprak lord Montefiore met diepen zucht. „Nog -slechts enkele maanden geleden—mijn vader was gestorven,—kon ik, zijn -universeel erfgenaam, een vermogen van achttien millioen het mijne -noemen. Nu ben ik een bedelaar.” - -„En heeft die hel daar beneden alles opgeslokt?” vroeg Raffles. - -„Niet alles! Het grootste deel ervan heeft een vorst gewonnen, dien ik -in het Casino leerde kennen. Hij heeft zeker tien millioen van mij -gewonnen.” - -„Tien millioen? Bij het spel?” - -De jonge lord keek nadenkend vóór zich. - -„Tien millioen!” mompelde hij op doffen toon. - -„In hoeveel tijd is dat gebeurd?” - -„Ongeveer twee maanden.” - -„Niet langer?” - -„Neen!” - -„Luister eens, lord Montefiore, dat kan geen eerlijk spel geweest zijn! -Ik vermoed nu reeds, zonder iets naders te weten, dat die zoogenaamde -vorst niets anders is dan een bedrieger, een oplichter, die er zijn -werk van maakt om groentjes—excuseer deze uitdrukking, lord—het vel -over de ooren te halen.” - -De Engelschman schudde het hoofd. - -„Ge vergist u toch, lord Lister! Vorst Alex Grigoriew is een man van -eer, van top tot teen. Hij heeft mij verscheiden keeren zijn hulp -aangeboden. Ik sta zelfs nu nog bij hem in het krijt—dat is dan ook de -voornaamste reden, dat ik— —” - -„Hij won tien millioen van u en gaf u toen nog geld om verder te -spelen?” - -„Is dat waar?” - -„Volkomen waar, lord Lister!” - -„Zoo, zoo!” - -„Ge ziet dus, dat ge u vergist, ge doet den vorst onrecht,” verdedigde -Montefiore. „Hij is een man van eer, al zal ik niet ontkennen, dat de -speelduivel hem heeft aangegrepen. Maar daarvan mag ik hem geen verwijt -maken, die zelf het geheele vaderlijke erfdeel heb verspeeld.” - -„Ik zie, dat gij een onervaren jong mensch zijt, dat in de handen van -een oplichter is gevallen. Gij verdient medelijden en geen verwijten!” - -„Ge grieft mij, lord Lister! Vorst Grigoriew heeft zich als een vriend -betoond.” - -„In welk hotel logeert die „vorst”? Ik zou graag kennis met hem willen -maken.” - -„Alex Grigoriew woont niet in Monte-Carlo. Hij heeft een villa in -Cannes, waar hij op grooten voet leeft!” - -Tot nog toe had lord Montefiore kalm naast de beide vrienden gezeten. - -Nu, plotseling, sprong hij op in zenuwachtige haast en ijlde naar den -kant van het terras. - -Het was duidelijk, dat hij opnieuw een poging tot zelfmoord wilde doen, -door in de diepte zich neer te storten en te pletter te vallen. - -Maar Raffles was in twee sprongen naast hem en hield hem zoo stevig -vast, dat er aan ontkomen geen denken was. - -„Geen dwaze dingen, jongmensch,” sprak hij op een toon van het -strengste verwijt, „zoo lichtvaardig springt men niet om met het leven. -Kijk eens naar de blauwe zee, de wuivende palmen en heel de lachende -wereld. Men pleegt geen zelfmoord om ingebeelde eereschulden!” - -Plotseling rolden den jongeman een paar heete tranen langs de -jeugdig-frissche, ietwat bleeke wangen. - -Toen keek hij Raffles in het gelaat. - -„Ik stel vertrouwen in u, lord Lister, die zulk een buitengewone -belangstelling voor mij aan den dag legt. Maar zeg nu zelf eens: hoe -moet ik een leven, dat met schande overladen is, verder leiden? Ik heb -den vorst mijn eerewoord gegeven en ik ben niet in staat het af te -lossen. Ik ben geruïneerd, ik bezit niets meer.” - -„En welk bedrag zijt ge dien „vorst” nog schuldig?” - -„Achthonderdduizend francs.” - -„Dat is inderdaad een aardig sommetje. Tot wanneer hebt ge tijd met de -betaling?” - -„Tot overmorgen.” - -„Hoe laat?” - -„’s Avonds zes uur.” - -„Mooi, tot overmorgenavond zes uur. Wilt ge mij uw eerewoord geven, dat -ge tot zoolang de hand niet aan u zelf zult slaan?” - -„Wat wilt ge doen?” - -„Ik wil trachten een schurk te ontmaskeren en u te redden.” - -„Dat zal u geen van beiden gelukken, lord Lister!” - -„Afwachten! Ik verlang van u alleen, dat ge vóór overmorgenavond zes -uur geen poging tot zelfmoord meer zult doen!” - -Lord Montefiore antwoordde niet dadelijk. - -Somber, in gepeins verzonken, keek hij voor zich. - -Over het gelaat van Raffles vloog een eigenaardig glimlachje. - -„Pardon,” sprak hij met welluidende stem, „ik vergat, dat ge alles -verloren hebt, mag ik u met het nietige sommetje van 500 francs uit de -verlegenheid helpen?” - -Hij bood den jongeman op bescheiden wijze eenige bankbiljetten, die -deze niet wilde aannemen. - -„Geen valsche schaamte, lord Montefiore! Binnen een paar dagen zult ge -de gelegenheid hebben, mij dat sommetje terug te betalen, als namelijk, -waaraan ik geen oogenblik twijfel, vorst Grigoriew door mij als een -aartsschurk wordt ontmaskerd.” - -Lord Montefiore bleef niets anders over dan de bankbiljetten bij zich -te steken en den vriendelijken helper warm de hand te drukken. - -„Tot uw dienst, lord! Maar vertel mij nu eerst eens uw -lijdensgeschiedenis, opdat ik een juist inzicht in de zaak krijg. -Vertel mij alles, wat ik moet weten!” - - - - - - - - -DERDE HOOFDSTUK. - -DE LIJDENSGESCHIEDENIS VAN EEN ZELFMOORDENAAR. - - -„Dat is in weinige woorden verteld,” verklaarde lord Montefiore, nadat -hij korten tijd voor zich had uitgestaard. - -„Het was mijn ongeluk, dat ik te vroeg kwam in het bezit van een groot -vermogen. Mijn moeder was gestorven en korten tijd daarna verwisselde -mijn vader het tijdelijke met het eeuwige. - -„Ik was zielsbedroefd door dit dubbele verlies en geloofde niet, het te -kunnen dragen. - -„Destijds liep ik reeds rond met plannen tot zelfmoord. - -„Het scheen mij onmogelijk om verder te leven in het kasteel, waar wij -samen zoo gelukkig waren geweest en met beide handen nam ik het -voorstel van een neef van mij aan om de uitgestrekte bezittingen aan -hem te verkoopen. - -„Om mijn verdriet over het verlies van mijn geliefde ouders een weinig -te vergeten, besloot ik op reis te gaan. Ik ging naar Parijs en vandaar -naar de Riviera. Hier leerde ik vorst Grigoriew te Nizza kennen in den -Cercle des Etrangers!” - -„Dat is een van de meest beruchte speelclubs,” wendde Raffles zich tot -Brand. „Zijn leden behooren gedeeltelijk tot de voornaamste kringen, -maar voor een nog grooter gedeelte bestaan zij uit oplichters of -schipbreukelingen der maatschappij, die zich door het spel boven water -houden!” - -Charly Brand knikte. - -Thans ging lord Montefiore verder: - -„Vorst Grigoriew toonde zich in elk opzicht als een man van eer en ik -sloot mij gaarne bij hem aan. - -„Al spoedig waren wij heel bevriend met elkander, maar ik had verbazend -pech, want nadat ik de eerste twee weken bijzonder gelukkig was geweest -in het spel, keerde de fortuin mij plotseling den rug toe en verloor ik -fabelachtige sommen. - -„De vorst kwam mij toen te hulp. Hij had een speelsysteem uitgevonden, -waarbij men op den duur moet winnen. - -„Ieder weet, dat men zoo’n systeem niet laat varen, zonder er een -enorme vergoeding voor te hebben verkregen, maar vorst Grigoriew stond -het mij geheel belangeloos af. Gij zult toch moeten toestemmen, lord -Lister, dat dit een oprecht bewijs van vriendschap was!” - -Raffles lachte luid. - -„Vergeef mij, mylord! Ge hebt immers zelf beweerd, dat ge op te -jeugdigen leeftijd in de groote wereld kwaamt en dat is volkomen waar. -Uw onervarenheid, vooral in het kennen van menschelijke karakters, is -grenzeloos. Zoo ik nog een oogenblik moest hebben geaarzeld of de vorst -een oplichter is, dan ben ik er zeker van, dat hij een valsch speler -is!” - -„Gij doet hem waarlijk onrecht, lord Lister!” - -„Vertel mij eens, lord Montefiore, hebt gij met dat systeem wat -gewonnen?” - -„In den beginne verkreeg ik schitterende resultaten!” - -„En later?” - -„Later?—Later heb ik alles weer verloren, alles—alles—.” - -„Dat hebt ge! De schitterende winst van de eerste dagen was niets dan -lokkebrood om u, onervarene, op een dwaalspoor te brengen!” - -„Neen, lord Lister. Vorst Alex is onschuldig, hij heeft me zelfs -gewaarschuwd om niet te veel te wagen! - -„Ik echter, ik was door den speelduivel zóó bezeten, dat ik al zijn -goede raadgevingen in den wind sloeg. De straf volgde dan ook al -spoedig op de daad en ik verloor op één enkelen middag anderhalf -millioen francs!” - -„Aan den vorst?” - -„Neen, aan de Bank!” - -„En wie hield de Bank?” - -„Een Italiaansch markies, een man van eer, in alle opzichten!” - -Wederom lachte Raffles luid. - -„Een Rus en een Italiaan! Geboren spelers! Gij zijt wel aan de juiste -adressen gekomen, lord Montefiore!” - -„Gij schijnt te denken, dat de beide heeren samenwerkten, om—om—hoe zal -ik het zeggen?” - -„Om u uit te plunderen,” viel John Raffles in, „daarvan ben ik -overtuigd!” - -„Ge vergist u wederom. De vorst en de markies hebben geen woord met -elkander gewisseld dan buiten het spel noodzakelijk was! - -„Op zekeren dag zelfs kregen de heeren hevigen woordentwist met -elkander en als ik niet tusschenbeide was gekomen, waren zij zeker -handgemeen geworden.” - -„Ha, ha, ha,” lachte Raffles, „wat heeft men u een aardige komedie -voorgespeeld; juist iets voor die valsche spelers en hun troep!” - -„Valsche spelers? Een troep? Hebt ge met die beleedigende woorden den -vorst misschien op het oog?” - -„Zeker, want in ieder geval is hij de hoofdaanvoerder van het komplot -geweest. Hebt ge niet verteld, dat ge aan hem zelf groote sommen hebt -verloren?” - -„Ja, maar dat heeft hier niets mee te maken!” - -„Waarom niet?” - -„Omdat dit een persoonlijke zaak was, geheel afgescheiden van de club.” - -„Geloof mij toch, mylord! De heele geschiedenis was van te voren -opgezet om u te plunderen, totdat er geen veer meer overbleef. En wilt -gij mij nu misschien ook vertellen, hoeveel gij aan dien zoogenaamden -vorst hebt verloren?” - -Lord Montefiore keek Raffles plotseling met vlammenden blik in het -gelaat. - -„Als het inderdaad zoo is, als gij beweert, lord Lister, dan kent hun -schurkerij ook geen grenzen! Maar neen—neen—neen—het kan niet waar -zijn. Zooveel slechtheid kan niet bestaan!” - -De jonge lord rilde. - -Toen sprak hij, als tot zich zelf: - -„Ik heb veel verloren in het spel; ik heb mijn baar geld verloren en de -chèques, die ik had afgegeven, bedroegen één millioen zes maal honderd -duizend francs. - -„Ik zat als gebroken op de sofa, toen kwam de vorst naar mij toe en -legde mij de hand op den schouder. Die hand schitterde van diamanten, -want Grigoriew houdt er van, diamanten te dragen, hij draagt eigenlijk -veel te veel! Dat is het eenige, wat mij onaangenaam in hem aandeed. - -„Ik houd er niet van, te pronken met bezittingen!” - -„Ge zegt, dat hij opvallend veel brillanten draagt?” viel Raffles op -opgewonden toon in de rede. - -„Ja. Hij heeft onder anderen een doekspeld, die een grooten gouden N -voorstelt. Ook deze is van onder tot boven met brillanten bezet. Het is -een geschenk van den Keizer van Rusland.” - -„Een N van goud en brillanten?” vroeg Raffles. „Hoe ziet die vorst er -uit, welke kleur hebben zijn oogen?” - -„Hij is slank; middelmatig van grootte, een beetje grooter dan ik. Zijn -oogen zijn fletsblauw. Die kleur viel mij op, omdat de Russen over het -algemeen donkere oogen hebben!” - -Het schitterde in de oogen van lord Lister. Doorzag hij de zaak reeds? -Het kwam Charly voor, dat dit inderdaad het geval was. - -„Vertel verder,” drong Raffles aan. - -„De vorst trachtte mij te troosten. „Het spijt mij voor u”, sprak hij -met weeke stem, „ga met mij mee, de buitenlucht zal u goed doen. Ik -hoop, dat ge de cheques spoedig zult kunnen betalen en ik ben gaarne -bereid u een belangrijke geldsom te leenen!” - -„Die vervloekte schurk,” siste Raffles. - -„Waarom scheldt ge hem uit?” vroeg Montefiore, „het was toch een -vriendschapsdienst, dat hij mij zijn geld aanbood!” - -„De bedrieger heeft u alleen dat geld aangeboden om van u te hooren, of -ge zelf nog geld genoeg bezat om die schuldbekentenissen te kunnen -betalen!” - -„Dat is inderdaad het geval, lord Lister. Wij reden samen naar Cannes -en de frissche zeewind knapte mij weder geheel en al op. Alex -behandelde mij als een bezorgde moeder. Hij liet de heerlijkste koffie -voor mij zetten, hij bood mij de beste sigaren en om mijn opgewonden -zenuwen wat te kalmeeren, werd er niet meer over het spel gesproken!” - -„Hoeveel hadt ge toen reeds verloren, mylord?” - -„Ongeveer de helft van mijn geheel vermogen.” - -„En dat hebt ge den vorst zeker verteld?” vroeg Raffles niet zonder -spot. - -„Ik had geen reden om het hem te verzwijgen!” - -„En toen begon het spel natuurlijk weer van voren af aan?” vroeg -Raffles weer, op denzelfden spottenden toon. - -„Ja juist! Ik weet eigenlijk niet hoe het zoo kwam. Hij schold op de -club en stelde voor, dat ik met hem samen zou spelen!” - -„Natuurlijk, maar toen vielt ge in de handen van een nog veel grooter -bedrieger. Hoeveel hebt ge in de villa van den vorst nog verloren?” - -„Heelemaal niets. Ik won dertig duizend francs!” - -„Zoo’n aartsschurk. Hij wist het wel zoover te brengen, dat ge naar -huis gingt in de hoop, dat de grillige fortuin u haar lachend gelaat -weer zou toewenden!” - -„Ge hebt met wonderlijke juistheid mijn gedachten geraden, mylord.” - -„Omdat ik het geheele bedrog volkomen doorzie. Ik zal u wel vertellen, -hoe het verder gegaan is.” - -„Gij? Mij? Wilt ge mij m’n eigen geschiedenis vertellen?” - -„Ja, ik heb ze honderd keer bijgewoond. - -„Ge wordt dikke maatjes met den „vorst”, en hij nam u langzamerhand al -uw geld af tot op een beetje na.” - -„Maar hoe weet ge dat? Het is inderdaad zóó gegaan!” - -„Men moet den speler niet heelemaal tot wanhoop brengen, maar hem nog -een klein gaatje openlaten om uitkomst te zoeken. Maar gij zijt niet -weggegaan. Ge hebt op het altaar van Monte-Carlo geofferd, wat u de -Club te Nizza en de „edele vorst” nog hadden gelaten.” - -„Precies! Het komt allemaal precies uit, zooals ge vertelt. Ik heb -enorme sommen aan hem verloren en hij heeft nog een schuldbekentenis -van mij in handen. Maar hij heeft geen schuld! Die ligt bij mij! Ik heb -mij overgegeven aan den speelduivel en die heeft mij ten gronde -gericht. Wat heb ik nu nog langer aan mijn leven? Ik ben vernietigd in -den bloei van mijn jeugd.” - -De jonge lord snikte als een kind. - -Raffles troostte hem. - -„Blijf kalm. - -„Ik denk u een gedeelte terug te bezorgen van wat gij verloren hebt en -verder hebt ge mij uw eerewoord gegeven, dat ge vóór overmorgenavond -zes uur niets tegen u zelf zoudt doen.” - -„Wat moet ik nu doen?” vroeg Montefiore op gebroken toon. - -„Verlaat Monte Carlo en ga naar Nizza. In welk hotel gaat ge logeeren?” - -Montefiore noemde het hotel d’Angleterre. - -„Goed! Overmorgen vroeg hebt ge uw schuldbekentenis in handen. Het -terugwinnen van uw vermogen zal wel een paar dagen langer duren. -Vaarwel.” - -De jonge lord wilde zijn wonderbaarlijken redder op onstuimige manier -danken. - -Maar deze nam beleefd zijn hoed af, trok Brand met zich mee en wandelde -den steilen weg langs, die van La Turbie voert naar Monte Carlo. - - - - - - - - -VIERDE HOOFDSTUK. - -VORST OF OPLICHTER? - - -Dien avond brachten Raffles en Brand in hun hotel door; zij pakten hun -effecten en koffers om den volgenden morgen naar Cannes te vertrekken, -een havenplaatsje in de buurt van Nizza, dat zich in den loop der jaren -heeft ontwikkeld tot een badplaats van den eersten rang aan de Riviera. - -Rijkaards van alle nationaliteiten hebben hier hunne villa’s, die zijn -ingericht met verfijnde weelde en wier tuinen, waarin een tropische -plantengroei zich heeft ontwikkeld, het heerlijkste uitzicht bieden op -de eeuwig blauwe, eeuwig schoone Middellandsche Zee. - -Maar ook heel wat geruïneerde personen, die alles hebben geofferd aan -den speelduivel te Monte Carlo, hebben zich hier gevestigd; lieden die -thans leven van valsch spel en bedrog; heeren, die zich voordoen als -edellieden, die den titel aannemen van vorst, markies, baron, of graaf, -en die achter het masker van den aristocraat hun slag slaan en op hun -beurt vele slachtoffers maken. - -Na het diner zat Raffles met Brand op het terras van het hotel, terwijl -hij blauwe rookwolkjes in de lucht blies. - -„Heb je eenig vermoeden, Charly, wie die zoogenaamde vorst Alex -Grigoriew is?” - -„Hoe zou ik dat weten!” antwoordde de secretaris op verbaasden toon, -„ik heb dien man nooit gezien en in mijn heele leven nog nooit een -Russischen vorst ontmoet!” - -Raffles lachte luidkeels. - -Toen boog hij zich voorover en fluisterde: - -„Die Alex Grigoriew is net zoo min een vorst als jij en ik!” - -Brand keek verbaasd en lord Edward had schik over de verwonderde -gelaatsuitdrukking van zijn vriend. - -Hij vervolgde: - -„Alex Grigoriew heet net zoo min Alex Grigoriew als hij een Rus is.” - -„Weet je dat zeker?” - -„Ik wil om alles wedden.” - -„Maar je kent hem niet, je hebt hem nooit gezien, je hebt zelfs geen -nauwkeurige beschrijving van hem!” - -„Dat heb ik ook allemaal niet noodig,” sprak de Groote Onbekende op -koelbloedigen toon. „Wat de jonge lord ons van hem verteld heeft, is -voldoende om hem te herkennen!” - -„Maar hij heeft ons niets zekers van hem verteld, niets dan vage -aanduidingen!” - -„Die echter voldoende zijn om zijn persoonlijkheid vast te stellen!” - -„En wie is dan die geheimzinnige vorst Alex Grigoriew?” - -„Een landsman van ons.” - -„Geen Rus?” - -„Neen, een Engelschman, een echte Londenaar!” - -„Wat je zegt! Maar dat is niet mogelijk!” - -„Het is niet alleen mogelijk, maar het is een feit! De man staat ons -heel na!” - -„Hoezoo?” - -„Omdat hij een collega van ons is!” - -„Een collega? Zijn wij misschien valsche spelers en oplichters?” - -„Valsche spelers zijn wij in geen geval. Maar de man is ook inbreker en -dief.” - -„Vorst Grigoriew?” - -„Ik heb je toch gezegd dat hij geen vorst is en geen Grigoriew heet”. - -„Maar alle duivels, wat is hij dan, vertel op als je zijn naam kent; ik -brand van nieuwsgierigheid!” - -„Dat moet je je afwennen, Charly! Je bent in de laatste tijden echt -zenuwachtig geworden en dat is niet goed voor iemand, die mijn vriend -en secretaris is. Kalmte en koelbloedigheid zijn eerste vereischten in -ons vak en je komt niet heel ver met zoo’n kwikzilveren natuur als jij -hebt!” - -Brand, nog onrustiger geworden door deze woorden, wou opstuiven maar -hij bedwong zich nog ter juister tijd. - -Hij slikte een heele boel nieuwsgierige en opgewonden woorden naar -binnen en trok zoo’n onnoozel gezicht, alsof de meest brandende vragen -zijn gemoed niet beroerden. - -Zou die zoogenaamde Alex Grigoriew zulk een geraffineerde schurk zijn -als Raffles hem voorstelde? - -Lord Lister zat nog steeds kringetjes in de lucht te blazen en deed, -alsof hij niet de minste notitie nam van zijn vriend Brand. - -Maar intusschen had hij dezen met scherpen blik gadegeslagen en hij was -volkomen op de hoogte van diens gedachten en gevoelens. - -„Nu ben ik tevreden, Charly”, sprak hij glimlachend. „Als het er -werkelijk op aan komt dan kan je, zoo als ik zie, je nieuwsgierigheid -goed bedwingen. - -„Dat moet beloond worden en ik zal je vertellen wie die Grigoriew is. - -„Deze zoogenaamde Russische vorst is inderdaad niemand anders dan de -Londensche dief, wisselvervalscher, inbreker en moordenaar Willy -Warren, die, om zijn bekende voorliefde voor diamanten gewoonweg -„Diamanten-Bill” wordt genoemd.” - -„Diamanten-Bill?” stotterde Brand verbaasd. - -„Niemand anders”, antwoordde Raffles, terwijl hij de asch van zijn -sigaret klopte. - -„Dat is onmogelijk!” stiet Brand uit. - -„Waarom?” - -„Omdat hij indertijd, toen hij door de Londensche politie op zijn -vlucht van Dover naar Calais zou worden gearresteerd, in het Kanaal -over boord sprong en verdronk.” - -„En hebt gij dat kindersprookje geloofd?” - -„Iedereen heeft het geloofd. Scotland Yard heeft het destijds overal -genoeg rond gebazuind.” - -Raffles glimlachte. - -„Scotland Yard,” sprak hij op ironischen toon. „De Engelsche politie -had er wel redenen voor, om dat praatje de wereld in te strooien, toen -de handige kerel haar onder de handen wegglipte.” - -„Je gelooft dus niet, dat hij verdronken is?” - -„Neen Charly. De slimme vos heeft de beambten van Scotland Yard -allemaal om den tuin geleid en ze zijn er leelijk ingevlogen!” - -„Ik begrijp je niet.” - -„Wel, „Diamanten-Bill” heeft eenvoudig een aardappelzak in zee gegooid, -dien men op het dek zwaar hoorde neerplompen. Hij zelf is, zonder dat -hij een enkelen droppel water had binnengekregen, naar het ruim -geklauterd en daar heeft hij zich in een oude kist zoolang verborgen, -totdat de lucht zuiver was. In Calais is hij doodkalm aan land gegaan, -stoomde naar Parijs en Monte-Carlo en nam hier zijn intrek als Russisch -grootvorst. Hij zal uit Londen wel genoeg diamanten hebben meegebracht -om hier den noodigen eerbied in te boezemen!” - -„Als Bill Warren alles zoo heeft uitgevoerd, als jij beweert, Edward, -dan moet hij wel een geniale kerel in zijn vak zijn,” antwoordde de -secretaris vol bewondering. - -„Hm! Ik heb zijn verdiensten nooit onderschat. „Diamanten-Bill” is -altijd de eenige geweest, met wien ik mijn krachten gaarne eens zou -hebben gemeten en ik verheug mij er over, dat die gelegenheid zich nu -voordoet!” - -„Je zult hem licht de baas worden, daar ben ik van overtuigd,” -antwoordde Brand in oprechte bewondering voor zijn vriend. „Maar toch -spijt het mij, dat je je met dezen inbreker op denzelfden voet -plaatst!” - -„Hoedat?” - -„Wel, omdat „Diamanten-Bill” niets anders is dan een gemeene dief.” - -„En wat ben ik dan?” - -„Jij bent een misdadiger uit eerzucht, om je kracht, je behendigheid en -je moed te toonen. Jij pleegt diefstallen en inbraken, zooals je de een -of andere sport zoudt beoefenen. Tot een schurkenstreek ben je niet in -staat. Integendeel. Je straft de schurken en beloont hen, die -onschuldig lijden. Je hebt al heel wat ongelukkigen voor den hongerdood -bewaard!” - -„Toegegeven, Charly, al overdrijf je ook een klein beetje. Maar de wet -maakt niet het onderscheid dat jij maakt. Voor de politie is een dief -een dief, een inbreker een inbreker! Wat denk je wel, dat de justitie -met mij zou doen, als het den mannen van Scotland Yard gelukte mij te -pakken?” - -„Dat zal hen niet gelukken!” - -„We zullen het afwachten. Maar laat ons nu gaan, want ik heb morgen een -vermoeienden dag!” - -„Ik weet het, je moet morgen de schuldbekentenis uit de handen van -„Diamanten-Bill” zien te krijgen!” - -„Dat komt vandaag nog in orde, dat zaakje maak ik schriftelijk af. - -„Kom, laat ons naar de leeszaal gaan. Binnen vijf minuten is de heele -boel voor elkaar!” - -Brand schudde ongeloofelijk het hoofd en volgde zijn vriend naar de -prachtig ingerichte leeszaal op de eerste verdieping van het hotel. - -De lord ging aan een groen bekleede tafel zitten, nam een velletje -papier met het hoofd van de firma, die het hotel exploiteerde en -schreef de volgende regels: - - - „Beste mr. Warren! - - Je hebt een groote domheid begaan, door je een schuldbekentenis te - laten teekenen door den jongen lord Montefiore. Het bezit van zoo’n - papier is gevaarlijk. - - Daar je den nuchteren jongen tot op z’n hemd geplunderd hebt, kan - die bekentenis voor jou geen waarde hebben, want de lord bezit geen - centime meer, terwijl zijn eergevoel hem zoover heeft gebracht, dat - hij zich van het leven heeft willen berooven. - - Zijn dood zou echter ongewenscht opzien baren en „Diamanten-Bill” - geheel onnoodig de politie op het dak sturen. Dan is het natuurlijk - uit met je „vorst”-schap en je mooie villa te Cannes zou, evenals - al je diamanten, in beslag worden genomen. - - Als oprecht vriend en collega geef ik je daarom den goeden raad, - het voor jou waardelooze papier door te scheuren en het zoodra - mogelijk met een paar beleefde woorden aan den lord te zenden. Hij - heeft er geen flauw vermoeden van, dat de voorname Russische vorst - Alex Grigoriew niemand anders is dan „Diamanten-Bill”, die voor de - heele wereld is verdronken in het Engelsche kanaal, toen de - beambten van Scotland Yard hem op de stoomboot tusschen Dover en - Calais wilden arresteeren. - - Je blijft dan voor hem en de heele wereld de edelmoedige vorst, - zooals je je noemt, tot groot vermaak van je vriend en collega - - JOHN C. RAFFLES”. - - -Met klimmende verbazing had Brand deze regels op het papier zien -zetten. - -„Denk je, dat dit briefje de gewenschte uitwerking zal hebben?” vroeg -Raffles den secretaris. - -„Natuurlijk! „Diamanten-Bill” is veel te verstandig om een goeden raad -in den wind te slaan.” - -„Dat denk ik ook,” sprak Raffles. - -Hij sloot den brief en adresseerde hem: - - - Aan Zijne Doorluchtigheid - Vorst ALEX. GRIGORIEW - Cannes (Zee-Alpen.) - - -„Kellner, plak een postzegel op dezen brief en laat hem dan dadelijk op -de bus gooien.” - -„Uitstekend, lord!” - -De kellner stoof weg met het schrijven. - -Hij had niet het flauwste vermoeden welke wonderlijke correspondentie -hij in de hand had. - -Raffles en Brand gingen naar hun kamers om den volgenden morgen vroeg -naar Cannes te reizen. - - - - - - - - -VIJFDE HOOFDSTUK. - -EEN NOODLOTTIGE BRIEF. - - -In denzelfden tijd, dat Willy Warren den brief uit Monte Carlo ontving, -wandelde een koopman in snuisterijen met langzame schreden langs de -Avenue Gambetta, waar de villa stond van Grigoriew. - -„Diamanten-Bill” die, ondanks het vroege morgenuur, reeds getooid was -met zijn schitterendste diamanten, greep met een onverschillig gebaar -naar de brieven, die de post hem bracht. - -De vorst voerde een uitgebreide correspondentie, die voornamelijk -liefdesgeschiedenissen behelsde, en de elegante man, die over -fabelachtige rijkdommen scheen te kunnen beschikken, had een bijzonder -groote aantrekkelijkheid voor de dames der Riviera. - -Ook vandaag weer waren een groot aantal geparfumeerde briefjes door de -post bezorgd, maar de vorst scheen er al heel weinig notitie van te -nemen. - -Met heel andere oogen bekeek hij echter een brief, die het poststempel -van Monte-Carlo droeg en waarop het adres van een der voornaamste -hotels was afgedrukt. - -Toen Warren den brief geopend had en hem in den haast doorvloog werd -zijn gelaat aschgrauw. - -De gewiekste gauwdief, die zich hier in zijn villa zoo zeker had -gevoeld, beefde over zijn geheele lichaam. - -Hij was ontdekt! - -Hij had steeds geloofd, dat Willy Warren voor de heele wereld gestorven -was. - -Scotland-Yard zelf had immers aan de geheele menschheid verkondigd, dat -het lijk van den gevreesden inbreker op den bodem van het Kanaal lag. - -En thans moest hij vernemen, dat er lieden waren, die wisten, dat hij -nog leefde en hoe hij leefde. - -Vreeselijk! - -Hij raapte den brief op, die op den grond was gevallen. Nog eens las -hij hem van het begin tot het einde door—woord voor woord. - -Geen lettertje ontging hem, maar het resultaat was hetzelfde: hij was -ontdekt. - -In gepeins staarde hij voor zich uit. - -Wat nu?— —Wat nu? - -Zou de strijd met de politie thans weer opnieuw beginnen? - -Zou hij van de heerlijke villa, de schitterende diamanten afscheid -moeten nemen om op water en brood te smachten? - -Afschuwelijk! - -Het was niet mogelijk! - -Wie zou iets afweten van zijn bestaan? Voorloopig slechts één persoon. - -Maar die ééne scheen ook heel nauwkeurig te zijn ingelicht. - -Zou Raffles, die beweerde een collega van hem te zijn, hem wel ooit -verraden? - -Nooit!! - -Ook onder dieven en inbrekers zijn mannen van eer, die het voor schande -houden, hun makkers te verraden. - -En Raffles behoorde tot die mannen van eer. - -Nog nooit had hij een minderwaardige handeling verricht! Hij stal en -hij brak in, maar steeds werden schurken door zijn straffende hand -getroffen. - -En dan! De brief van Raffles was op vriendschappelijken toon -geschreven! Hij waarschuwde hem en gaf goede raadgevingen. - -Hij was dan ook terstond besloten, den jongen Engelschman de -schuldbekentenis terug te geven. - -Wat had hij ook aan dat ellendige blad papier, daar Montefiore toch -geruïneerd was. - -Haastig ging Bill naar zijn schrijftafel, woelde in de papieren van een -geheime lade en haalde de schuldbekentenis daaruit te voorschijn. - -Daarna nam hij schrijfpapier, dat versierd was met een vorstenkroontje. - -Nadat hij drie, vier zijdjes verknoeid had, was eindelijk het volgende -briefje gereed gekomen: - - - „Waarde Lord! - - Ik houd het voor den plicht van een edelman u inliggende - schuldbekentenis terug te sturen. - - Ik zou er nooit gebruik van gemaakt hebben, maar ik accepteerde ze - van u omdat ge er zoo op hebt aangedrongen. Zij brandt in mijn - hand. - - Neem haar terug. Ik heb haar verscheurd en daardoor waardeloos - gemaakt. Gij hebt thans geen verplichtingen meer tegenover mij. - - Steeds tot uwen dienst - VORST ALEX GRIGORIEW.” - - -Het stond er! - -„Diamanten Bill” las de regels nog eens over en knikte tevreden. - -Hij vouwde den brief dicht, stak hem in een enveloppe en schreef het -adres er op. - -Daarna schelde hij den bediende. - -„Breng dezen brief naar de post en laat hem aanteekenen, dadelijk!” - -De bediende haastte zich de deur uit. Buiten op straat kwam een koopman -in snuisterijen hem tegemoet om hem zijn waren aan te bieden. - -De bediende stiet hem ter zijde, maar de koopman had nog juist -gelegenheid gehad om een blik op het adres te slaan. - -„Het zaakje gaat goed”, mompelde de koopman glimlachend, „en hij -schijnt haast te maken ook. Mijn brief heeft hem leelijk bezorgd -gemaakt!” - -De lezer heeft natuurlijk al lang begrepen, dat deze arme koopman -niemand anders was dan Raffles. - -Daar kwam een heer de straat op, die groote haast scheen te hebben. - -Radeloos keek hij naar links en naar rechts, alsof hij iemand zocht. - -Hij scheen bijzondere opmerkzaamheid te koesteren voor de villa’s, maar -besluiteloos keerde hij zich af en stormde verder. - -Een hevige stoot bracht hem tot bezinning. - -„Stommerd! Pas toch op!” riep de schijnbaar hevig verschrikte heer uit. -„Ga toch weg met je snorrepijperijen!” - -„Och, vergeef mij toch, beste heer en koop een kleinigheidje van een -arm man, die voor vrouw en kinderen heeft te zorgen!” - -„Alle duivels! Wat moet ik met dien rommel doen?” - -„Lieve, beste meneer! Heb medelijden! Vergoed mij dan ten minste de -schade, die ge mij hebt berokkend.” - -De voorname heer was al weer verder gegaan, maar de koopman bleef hem -ter zijde. De eerste wierp toen een franc naar den koopman, maar deze -scheen nog niet tevreden te zijn. - -Hij greep den heer bij den arm en hield hem stevig vast. - -„Wat wil je, onbeschaamde kerel?” klonk het ruw. - -De koopman keek echter met glunderlachende oogen den ander aan en -sprak: - -„Ik wou je alleen maar zeggen, beste Charly, dat je een domkop bent—en -blijft. Je herkent zelfs je vriend en meester niet meer!” - -„Drommels! Edward! Ben jij ’t?” - -Brand was verbluft. - -„Ik had je waarlijk in die kleedij niet herkend.” - -„Dat doet me pleizier! Dan zullen de anderen me nog minder herkennen. -Maar wat wil je eigenlijk hier?” - -„Vraag je dat nog? Ik zoek jou!” - -„Waarom? Is er wat gebeurd?” - -„Niets anders, dan dat je spoorloos verdwenen bent. Ik dacht, dat je -een ongeluk was overkomen. Vertel eens, wat doe je hier? En wat moet -dat potsierlijke pak?” - -Raffles lachte. - -„Kun je dat werkelijk niet raden?” - -„Hoe zou ik? Wie kan al jouw gangen naspeuren?” - -„Dan zal ik het je vertellen. Ik had het plan om te controleeren of -„Diamanten-Bill” gehoorzaam mijn goeden raad had opgevolgd en de -schuldbekentenis naar lord Montefiore had teruggestuurd.” - -„Nu al? Dan zul je nog wel een poosje geduld moeten hebben.” - -„Hou je kalm, Charly! Mijn doel is al bereikt. De aangeteekende brief -naar lord Montefiore is al onderweg. En ga nu mee, ik heb honger!” - -„Met jou meegaan?” - -„Natuurlijk!” - -„In dit pak?” - -„Neen, neen! Ik kom dadelijk!” - -„Allright!” - -Brand snelde naar het hotel. - -Zijn verbazing was echter grenzeloos, toen hij in de vestibule van het -hotel zijn vriend ontmoette, keurig gekleed, een witte camelia in het -knoopsgat van zijn smoking, de onafscheidelijke sigaret in den mond. - -Thans dacht de secretaris inderdaad spoken te zien op klaarlichten dag. - -Dat kon toch onmogelijk zuiver spel zijn. - -Een kwartier geleden had hij zijn vriend en meester nog op de Avenue -Gambetta ontmoet en nu stond hij hier in levende lijve, als gentleman -gekleed, uiterlijk doodkalm, voor hem. - -Hij was heel wat van Raffles gewoon. Maar dit overtrof alles, wat hij -totnogtoe van hem gezien had. - -Tevergeefs verzocht hij zijn vriend, hem dit ongeloofelijke te -verklaren. - -Deze antwoordde slechts: - -„Na den lunch zullen we een eindje gaan wandelen, dan zal ik je alles -vertellen”. - -En een uur later vertelde Raffles: - -„De zaak is heel eenvoudig en natuurlijk toegegaan. Hoe vaak heb ik je -niet al gezegd, dat vlugheid geen kunst is. Terwijl jij langs de Avenue -Gambetta wegvloogt, nam ik plaats in een gesloten automobiel—natuurlijk -zoo, dat de chauffeur mij niet zag, voordat ik er in zat. Toen stak ik -mijn hoofd uit het portier en noemde het doel van den tocht. Intusschen -verkleedde ik mij en, tien minuten vóórdat jij hier kwaamt, verliet ik -den auto in keurig toilet. Dat is alles!” - -„En je mand? Je snuisterijen? Je kleeren?” - -„Heb ik op een veilig plaatsje op de Avenue Gambetta bewaard. Vanavond, -als het donker is geworden haal ik alles weer te voorschijn. De mand -met snuisteren geef ik den kinderen van Cannes present”. - - - - - - - - -ZESDE HOOFDSTUK. - -„DIAMANTEN-BILL”. - - -Vorst Alex Grigoriew was zoo onder den indruk van den brief, dien hij -had ontvangen, dat hij gedurende de eerste dagen zijn villa niet -verliet. - -De meest verlokkende uitnoodigingen en afspraken met de mooiste en -rijkste dames liet hij onbeantwoord en hij vertoonde zich niet in de -club te Nizza en evenmin aan de speeltafel te Monte-Carlo. - -Raffles had het dus alles behalve gemakkelijk, maar hij was geduldig en -wachtte af. De meesterdief had zich voorgenomen den oplichter, die den -Lord door valsch spel zijn geheele vermogen had afhandig gemaakt, op -zijn beurt weer van het vele goud te berooven, en wat Raffles zich eens -had voorgenomen, dat bracht hij ook tot uitvoering. - -Een beetje tijdverlies hinderde hen dan ook niet. - -Dat Lord Montefiore opnieuw plannen tot zelfmoord zou koesteren was -niet te vreezen. - -Raffles had hem bezocht, kort nadat de vorst hem de schuldbekentenis -had teruggebracht. De jongeman had toen in vele bewoordingen het -edelmoedig karakter van den vorst geprezen. - -„Gelooft ge nu nog altijd, dat vorst Alex Grigoriew een—een—ik kan het -woord niet goed uitspreken?” - -„Een oplichter is, bedoelt ge, mylord?” vroeg Raffles. - -„Ik zou dat woord niet graag gebruiken, Lord Lister. Ge ziet dat hij -edelmoedig is, door mij de schuldbekentenis terug te sturen. Als hij -inderdaad een bedrieger was, zooals gij hem afschildert, dan zou hij -mij zeker tot betaling hebben gedwongen.” - -„En hij had u eerst tot de laatste centime geplunderd!” - -Lord Montefiore zweeg. - -Hij kwam tot de overtuiging, dat hij wel een beetje al te veel partij -trok voor dien ander. - -Raffles zag de verlegenheid van den jongen man. - -„Veroorloof mij een vraag, mylord”, vervolgde hij thans. „Zoudt gij -ooit iemand, die door den speelduivel was bezeten, zóó hebben -uitgeplunderd, als die man het u heeft gedaan?” - -Wederom zweeg lord Montefiore. - -Hij wilde niet ontkennend antwoorden. - -„Welnu mylord”, hernam Raffles, „ik zal u zeggen, wat gij verzwijgt. -Gij zoudt dat niet hebben gedaan, beslist niet. Vrees echter niets. Uw -vriendelijke vorst zal niets geschieden. Hem zal geen haar gekrenkt -worden. Maar om u toch een weinig op de hoogte te helpen, wil ik u wel -mededeelen, dat hij de schuldbekentenis absoluut niet uit eigen -beweging heeft teruggestuurd. Ik heb hem daartoe gedwongen”. - -„Toch niet uit mijn naam?” vroeg de Engelschman vlug. - -„Neen, uit mijn eigen naam”. - -„Zoo?” - -„Ja, ik heb hem verteld, dat zijn streken zijn uitgekomen”. - -„Kent ge hem dan?” - -„Ja”. - -Montefiore keek verrast op. - -„O, dat verandert de zaak”, antwoordde hij. „Ik meende, dat gij al uw -beweringen op louter vermoedens hadt gegrond”. - -„Dat doe ik nooit, mylord. Op het oogenblik kan ik u echter geen nadere -aanduidingen van zijn persoon geven. Ik hoop, dat ge na dit gesprek -nooit meer mondeling of schriftelijk één woord met dien oplichter zult -wisselen”. - -„Dat beloof ik u gaarne”. - -„En nu zullen we ons best eens doen, om u het verloren geld weer terug -te bezorgen”, sprak Raffles op beslisten toon. - -„Hoe zou dat kunnen? Ge zult de politie toch niet er bijhalen? Ik zou -niet graag willen, dat de naam Montefiore werd genoemd in verband met -dien van een schurk”. - -„Ge behoeft u geen oogenblik bevreesd te maken, mylord. Ik zal geheel -zelfstandig handelen, en ik geloof, dat ik u over enkele dagen reeds de -som kan teruggeven”. - -„Zonder hulp der politie?” - -„Natuurlijk. Ik ben er zelf in het minst niet op gesteld, om de hulp in -te roepen van den sterken arm. En laat maar gerust de regeling van het -heele zaakje aan mij over, dan komt alles zoo gauw mogelijk in orde. En -laat ik u nu nog eens van dienst zijn, en u een som gelds leveren, -opdat ge volgens uw stand zult kunnen leven”. - -Den jongen lord schoot het bloed naar de wangen. - -De edelmoedigheid van den nieuwen vriend bracht hem in verlegenheid, en -Raffles moest nog langen tijd aandringen, voordat hij de blanco chèque -in ontvangst nam. - -Lord Lister reisde met den eerstvolgenden trein naar Cannes terug, en -ging toen zijn wachtpost op de Avenue Gambetta weer innemen. - -Vorst Alex Grigoriew intusschen, verveelde zich danig in zijn mooie -villa. - -Tot nog toe was hij er altijd met een blauw oog afgekomen, als hij de -een of andere schurkenstreek had bedreven. - -In zijn jeugd was hij eens veroordeeld tot anderhalf jaar -gevangenisstraf. Dat was al lang geleden, en destijds viel hem die -straf niet zoo zwaar, wijl hij armoedig leefde, en steeds te kampen had -met honger en zorgen. Maar sindsdien was zijn leven vol glans geworden. -In de gevangenis had hij een uitstekende leerschool in het inbreken -doorgemaakt, en toen hij weer op vrije voeten kwam, had hij steeds met -het grootste succes zijn boevenstreken bedreven. Hij stamde uit de -onderste lagen der maatschappij, maar desondanks had hij in zijn -voorkomen een zekere elegance, en zoo het ook al aan beschaving -ontbrak, wist hij zich toch met bewonderenswaardige zekerheid in goede -kringen te gedragen. - -Grigoriew had al heel wat landen van Europa onveilig gemaakt. Hier, aan -de Riviera, wilde hij een eind maken aan zijn rondzwervingen, en er een -blijvende woonplaats zoeken. - -Waarom ook niet? - -Hij was multi-millionair, bezat een prachtige villa en een schat van de -kostbaarste diamanten. - -Maar evenals een kat kan ook de dief het muizen niet nalaten. Een -inwendige drang om schurkerijen te plegen, kon hij niet weerstaan, en -toen hij den onervaren Montefiore ontmoette, had hij dezen naar alle -regelen der kunst uitgeplunderd. - -Toen kwam plotseling de onverwachte slag door den brief van Raffles. - -Eenige dagen bracht Grigoriew in duizend vreezen door. - -Hij stond op het punt om al zijn bezittingen achter te laten en te -vluchten, want voor de politie had hij den grootsten eerbied. - -Maar er gebeurde niets. - -Grigoriew wachtte van den eenen dag op den anderen, zonder dat iets -buitengewoons voorviel. - -Raffles liet niets meer van zich hooren, en de vrees van den valschen -speler sluimerde langzamerhand weer in. - -Hij besloot echter voorzichtig te zijn en zich niet te vertoonen op -gevaarlijke plaatsen of in gevaarlijk gezelschap. Hij verliet Cannes -niet meer. - -Als het hem al te vervelend werd, om als een gevangene in zijn villa te -zitten, dan ging hij een eindje wandelen, steeds er op bedacht, dat hij -niet vervolgd of bespied werd. - -En tòch volgde Raffles hem op den voet, maar de groote onbekende legde -hierbij zooveel handigheid aan den dag, dat de beste tooneelspeler of -de slimste detective het hem niet hadden kunnen verbeteren. - -Hij had een groote massa kleeren bij zich, en dagelijks verscheen hij -als een ander persoon in de Avenue Gambetta, maar nooit verscheen hij -er als een Engelsche lord. - - - - - - - - -ZEVENDE HOOFDSTUK. - -TWEE CONCURRENTEN - - -Op zekeren dag bemerkte lord Lister, dat „Diamanten-Bill” zijn villa -verliet, keurig gekleed, den cylinder op het hoofd, de briljanten -ringen als steeds aan zijn vingers. - -Ook Raffles was in elegant kostuum. Hij zag er uit als een voornaam -Amerikaan tusschen 55- en 60-jarigen leeftijd. - -De oude heer had de proef op de som genomen en in de leeszaal zijn -vriend Charly Brand om een lucifer gevraagd. Deze had het vuur, zonder -het minste vermoeden, gegeven. - -Raffles kon in elk geval er zeker van zijn, niet door Willy Warren te -worden herkend, als deze hem ontmoette. Hij kon den „vorst” dus -onopgemerkt volgen en hij deed dat zóó handig, dat niemand er iets van -merkte. - -Grigoriew wandelde doelloos door de straten rond. - -Hij behoorde tot dat soort menschen, die zichzelf niet bezig kunnen -houden, als zij uit hun gewone doen komen. - -Hij miste de club en het casino en thuis, in zijn prachtige, leege -villa, was het niet uit te houden. - -Voor elk venster bleef hij staan. Hier en daar deed hij inkoopen. John -Raffles keek naar hem met Argus-blik. - -De vorst bleef nu staan voor den winkel van een antiquair. Een -prachtige, oude rococo-kast had zijn opmerkzaamheid getrokken. - -Het was inderdaad een prachtstuk. - -Raffles zelf zou graag het kostbare meubelstuk voor zich hebben -gekocht, als hij maar had geweten, wat hij er mee had moeten doen. - -Grigoriew ging den winkel binnen. Twee minuten later hield een auto -voor den winkel stil en een Amerikaan stapte er uit, die eveneens den -winkel binnenging. - -De winkelier zat een beetje in verlegenheid, toen hij de beide voorname -klanten tegelijk ontving, maar de Amerikaan ging doodkalm in een stoel -zitten en zei in gebroken Fransch, met Engelsch accent: - -„Ik heb allen tijd! Ge kunt gerust eerst dien heer helpen!” - -De Amerikaan begon een paar staalboeken te doorbladeren en het scheen, -alsof hij niets bespeurde van alles, wat er om hem heen gebeurde. - -Maar dat was niet waar. Geen woord ontging zijn scherpe ooren. - -Grigoriew onderhandelde met den winkelier over den verkoop van de kast, -die 3000 francs kostte. - -De prijs kwam er natuurlijk bij een vorst en millionair niet op aan. - -Maar Grigoriew had nog verscheiden veranderingen te bedisselen, de kast -moest opnieuw gebeitst en in de was gezet worden, schroeven en sloten -moesten worden vernieuwd, voordat de kast naar zijn villa aan de Avenue -Gambetta moest worden afgeleverd. - -Eindelijk ging Grigoriew heen, zonder te hebben betaald, wat trouwens -ook niet noodig was. - -De winkelier ging nu naar den Amerikaan toe, die zoo langen tijd -geduldig had gewacht en nu met een luiden geeuw opstond. - -Hij kocht verscheidene aardige voorwerpen en bleef toen, met -besluiteloos gebaar, voor de mooie oude kast staan. - -„Wat kost die?” - -„Drieduizend francs, mijnheer!” - -„Die koop ik!” - -De winkelier trok een pijnlijk gezicht. - -„Het spijt me, mijnheer, ik kan u niet helpen. De kast is juist aan -vorst Grigoriew verkocht!” - -„Wel, bezorg mij dan een andere kast, net zoo een als deze!” - -De winkelier haalde de schouders op. - -„Er bestaat niet zoo’n tweede exemplaar van die kast. Ge zoudt daarnaar -tevergeefs zoeken!” - -„Maar waarde heer! Ik koop heelemaal niets van je, als ik die kast niet -krijg!” - -„Maar meneer, dat is toch belachelijk!” - -„Waarom belachelijk? Zijt gij een goed koopman? In Amerika doen we dat -heel anders. De kast staat hier—is niet betaald—niet afgehaald—dus ook -niet verkocht. Ik geef u er 4000 francs voor.” - -De winkelier aarzelde. - -Hij verdiende reeds 1800 francs aan het meubel; als de Amerikaan 4000 -francs er voor gaf, zou zijn winst nog met 1000 francs vermeerderd -worden. - -Maar hij had de kast al verkocht aan den vorst en dien klant wilde hij -liefst niet verliezen. - -De Amerikaan scheen de gedachte van den winkelier te raden. - -„Ge zijt niet handig”, sprak hij, „alle Europeanen zijn in zaken dom. -Zeg dien heer, dat de kast al verkocht was, zonder dat ge het wist. -Zeg, dat uw vrouw het meubel had verkocht, toen ge niet thuis waart.” - -„Maar ik heb geen vrouw! Ik ben zelfs nooit getrouwd geweest!” - -„Goed, zeg dan dat uw zoon het heeft gedaan!” - -„Beste heer, een zoon heb ik nog veel minder!” - -„Allemachtig, wat zijn jullie dom! Zeg dan, dat een tante van u -gestorven was en dat ge naar de begrafenis moest en dat een zwager van -u de kast voor 5000 francs verkocht. Die som wil ik u er dadelijk voor -betalen. Wat kosten de andere dingen, die ik gekocht heb?” - -„758 francs.” - -„Goed! Hier is een chèque op de Lyonsche Bank. Geef mij maar een pen.” - -De winkelier bracht pen en inkt en de Amerikaan schreef een cheque van -5758 francs. - -Daarop ging de kooper heen. - -Des avonds kwam hij terug met een paard en wagen om de kast te laten -weghalen. - -Toen Alex Grigoriew den volgenden dag weer voorbij den winkel kwam, zag -hij, dat de kast er niet meer stond. - -„Zij is al in den maak”, dacht hij en hij ging verder. - -En de kast wàs inderdaad in den maak, alleen niet bij den -schrijnwerker, maar bij een slotenmaker, door Raffles besteld. - -De meester-dief had het meubelstuk dadelijk naar een bekwaam werkman -laten brengen en het zóó laten veranderen, dat een persoon zich er in -kon verbergen. - -Dit moest natuurlijk zóó gemaakt worden, dat geen sterveling er iets -van bemerkte; scharnieren en schroeven en sloten en laden moesten -losgebroken en vastgemaakt, maar toen de kast was afgeleverd, was alles -zóó keurig gedaan, dat Raffles den arbeid gaarne vorstelijk beloonde. - -Nu kon hij beginnen! - -Men zou toch eens zien, hoe schitterend het wraakplan, dat hij op touw -had gezet, gelukken moest! - - - - - - - - -ACHTSTE HOOFDSTUK. - -EEN GEHEIMZINNIGE KAST. - - -Raffles was steeds gewoon al zijn plannen alleen ten uitvoer te -brengen, zonder dat hij daarbij de hulp van een ander inriep. - -Alleen Brand zou voor dergelijke hulp in aanmerking zijn gekomen. - -Maar Charly was te zenuwachtig. Hij bedierf veel door al te grooten -ijver, wat goed had kunnen afloopen, als de zaak bedaard was aangepakt. - -Ditmaal echter moest Raffles wel de hulp inroepen van zijn secretaris. -Hij had hem noodig en dus moest hij hem in het vertrouwen nemen. - -„Heb je een kast gekocht, Edward?” vroeg Charly, toen Raffles hem het -meubelstuk liet zien. - -„Wat wil je daarmee in ’s hemelsnaam beginnen? Wil je misschien hier in -Cannes een huisgezin opzetten?” - -John Raffles glimlachte. - -Toen haalde hij de schouders op. - -„Eigenlijk gezegd, Charly, heb ik daarover niet nagedacht. De kast -beviel mij bijzonder en je weet, wat mij bevalt, dat koop ik.” - -„O, lieve hemel, Edward! En dat zware ding heeft je zeker al heel wat -geld gekost!” - -„Vijfduizend francs.” - -„Vijfduizend francs? Alle donders! Jij schijnt al heel goed bij kas te -zijn!” En fluisterend voegde hij er aan toe: - -„Je weet toch, Edward, dat wij de laatste weken niet gewerkt hebben, -omdat je niets anders hebt gedaan dan de menschlievendheid te -betrachten. Wij hebben weer geld noodig!” - -„Hm! Daarvoor moet de kast juist dienen!” - -„Dat begrijp ik niet!” - -„Ik zal je later wel alles verklaren. Bekijk die kast maar eens goed, -maak alle deuren, kasten, schuifladen enzoovoorts open, onderzoek de -sloten en vertel mij dan eens of het ding je aanstaat en of je er ook -iets bijzonders aan vindt!” - -Brand deed het, onderzocht alles, maar kon niets bijzonders vinden. - -„Zie je niets, Charly?” - -„Niets niemendal!” - -„Als ik je nu zeg, dat aan dezen kant van de kast feitelijk een geheime -deur is?” - -De secretaris was ten zeerste verbaasd. Hij onderzocht alles nog eens -nauwkeurig, maar kon met den besten wil van de wereld niets ontdekken. - -„Ik kan niets vinden.” - -Raffles deed de deur, zonder een woord te spreken, met één enkele -beweging open. - -„Wel, drommels”, riep Charly uit, „dat is verbazend!” - -„Draai je nu eens drie seconden om en kijk naar de klok. Kijk daarna -weer naar de kast.” - -Brand deed het. - -Toen hij zich na drie seconden weer omkeerde, was de kast gesloten en -Raffles verdwenen. - -Wonderlijk! - -Waar kon die zijn gebleven? - -Brand had de kamerdeur niet hooren dichtdoen. Hij vloog er heen om te -kijken, waar zijn vriend gebleven was. - -Maar de deur was van binnen op slot. - -Ook daarlangs kon Raffles dus niet verdwenen zijn? - -Het was en bleef een raadsel. - -„Edward!” riep de secretaris. - -„Charly!” antwoordde een doffe stem. - -„Waar ben je?” - -„Wat denk je?” - -„Ik weet het niet!” - -„Ik zit in de kast!” - -Charly ontstelde. - -Plotseling vloog een klepje open in de kast en Brand keek John in het -gelaat, en daarnaast zag hij een hand, die een revolver vasthield. Het -wapen was op hem gericht en het gelaat van John was door een zwart -masker bedekt. - -Brand wilde op zij springen om het dreigende wapen te ontvluchten, maar -nu werd ook aan dien kant een klep geopend en wederom werd de loop van -de revolver op hem gericht. - -„Wees niet flauw, Edward! Wat beteekent dat?” - -Raffles lachte. - -„Draai je drie tellen om”. - -Brand deed het. - -Even daarna stond Raffles weer voor hem. - -„Wel, wat zeg je van mijn uitvinding, Charly?” - -„Enorm! De schrik zit mij door alle leden!” - -„Ik heb m’n doel bereikt! Nu kan vorst Alex Grigoriew zijn kast -krijgen!” - -„Grigoriew? Zijn kast!” - -„Ja! Hij had ze gekocht”. - -„Ik dacht, dat jij dat hadt gedaan!” - -„Ik ook, zeker! Maar ik sta hem het ding gaarne af. Hij wil het hebben -en ik geef het hem. ’t Is zoo’n charmant heer, die vorst!” - -„Die oplichter? Edward, je spreekt weer in raadsels!” - -„Ik zal je gauw genoeg alles ophelderen. Nog een beetje geduld! En nu -moet ik naar den winkelier”. - -„Jij?” - -„Ja”. - -Raffles ging. - -De winkelier ontving den voornamen klant met de grootste beleefdheid. - -„Wat is er van uw dienst?” vroeg hij met een buiging. - -„Ik heb een paar dagen geleden een kast gekocht”. - -„Zeker, mijnheer!” - -„Ik kan ze echter niet gebruiken!” - -De winkelier schrikte. - -„Ik moet de kast teruggeven”. - -„Maar mijnheer—ik begrijp niet—”. - -„Ge begrijpt nooit iets. Ik kan de kast niet gebruiken en geef haar dus -met rouwgeld terug!” - -„Zoo—”. - -Het gelaat van den koopman klaarde op. - -„Hoeveel denkt mijnheer— —” - -„Ik denk niet. Ik handel. Luister. Ik heb de kast haar den -schrijnwerker gestuurd, die haar heelemaal weer gerepareerd heeft. Ge -kunt haar dus kant en klaar leveren aan den heer, die haar eerst -gekocht heeft! Hoe heet die?” - -„Vorst Alex Grigoriew!” - -„Waar woont hij?” - -„Avenue Gambetta, 25”. - -„Goed! Ik zal het meubel daar laten bezorgen. Geef mij een quitantie -van 3000 francs, ik heb dan 2000 francs rouwgeld betaald!” - -De winkelier wreef zich in de handen. - -Neen maar! Daar kwam hij nog goed af. En hij schreef dadelijk de -kwitantie. - -Het was al avond, toen aan de villa van vorst Grigoriew gescheld werd. - -De vorst, die zich vreeselijk verveelde in zijn gedwongen -gevangenschap, beval den bediende, dat de kast kon gebracht worden. - -Raffles intusschen, had Charly Brand meegedeeld, wat zijn bedoeling -was. Hij wilde zich in de kast naar het huis van den vorst laten -brengen. - -„Pas op, Edward, doe het niet!” had Charly op dringenden toon -gewaarschuwd. - -„Niet doen?” - -„Neen, natuurlijk niet!” - -„Wat zou mij kunnen gebeuren?” - -„Als Bill Warren je nu eens in de kast ontdekt? Wat dan?” - -„Beste jongen, dat is het juist! Ik ga in de kast, opdat hij mij zal -ontdekken!” - -„Wie? Wat? Dat is wat nieuws! Dan ben je verloren!” - -„Dat zie ik nog niet in!” - -„Wat wil je beginnen, als hij een bediende roept?” - -„Hij zal wel oppassen!” - -„Maar bedenk toch, Edward, hij heeft zooveel voor, als jij daar in de -kast zit. Je kunt je immers niet verroeren!” - -„Dat komt allemaal in orde, beste kerel!” - -„Kom, Edward, laat het plan varen. ’t Is veel te gewaagd!” - -„Geen denken aan, Charly. Ik wil toch eens zien, wie van ons beiden het -wint, Diamanten Bill of ik. Zijn de werklui er om de kast te -versjouwen?” - -„Allen!” - -„En de koetsier met den wagen?” - -„Is er ook!” - -„Laat dan de kast halen. Ik ga vooruit om er in te klimmen. Niemand mag -weten wat vervoerd wordt.” - -„Ik zwijg als het graf. Wees jij maar voorzichtig, Edward!” - -„Dank voor je goeden raad, dag!” - -Raffles vloog weg. - -„Het is een stuk uit een dolhuis”, mompelde Charly. „Ik geloof nooit, -dat het goed zal afloopen. Als hem iets overkomt, is het zijn eigen -schuld. Ik heb hem vaak genoeg gewaarschuwd.” - - - - - - - - -NEGENDE HOOFDSTUK. - -IN HET VIJANDELIJKE KAMP. - - -John Raffles zat allang in de kast, toen Brand met de werklui kwam. - -De mannen verbaasden zich over de geweldige zwaarte van het meubel. -Maar Charly beloofde een extra-fooi en toen hield het gemopper al heel -gauw op. - -Maar Charly zelf liep op vuur. - -Hij zat in duizend vreezen, dat Raffles zich op de een of andere -onverwachte manier zou verraden. - -Maar alles ging uitstekend en de kast werd met vereende krachten op de -plaats neergezet, waar vorst Grigoriew haar verlangde. - -Deze, die niets om handen had, begon nu al heel gauw zijn papieren in -orde te maken en te rangschikken in het nieuwe meubel. - -Hij had er natuurlijk niet het flauwste vermoeden van, dat een vijand -in zoo onmiddellijke nabijheid vertoefde. - -Voor Raffles was de positie inderdaad hachelijk. - -Een hoest- of niesbui zou hem hebben verraden. - -De tijd verstreek voor hem in de grootste verveling. - -Grigoriew had langen tijd werk met zijn papieren. - -Daarna ging hij een wandeling maken en tegen middernacht kwam hij -terug. - -Al dien tijd bleef Raffles in zijn schuilhoek. - -Eerst toen de vorst naar bed was gegaan, kwam hij te voorschijn. - -Hij had intusschen rondgespied. - -Bill Warren’s slaapkamer was vlak bij de zitkamer. Maar de slaapkamer -werd des nachts zorgvuldig gesloten en daarin juist bevond zich de -groote ijzeren brandkast van den vorst. - -Daarin zou zeer zeker de geheele bezitting van den oplichter verborgen -zijn. - -Maar de compromitteerende papieren zou de schurk zeker niet in die -brandkast verbergen. - -Dat was lang niet veilig genoeg. - -Hier, in de zit- en studeerkamer was zeker wel zoo’n geheime -schuilplaats te vinden en de onschuldige schrijftafel zou veel eerder -zoo’n geheime bergplaats in zich sluiten. - -Raffles snuffelde rond, langen tijd. - -Maar hij vond niets. - -Nadat hij de schrijftafel zorgvuldig doorzocht had, zocht hij onder het -tapijt, achter de schilderijen, in den haard, achter den spiegel, onder -de zittingen der stoelen. - -Nog niets. - -Maar hij gaf het zoeken niet op. - -Toen, plotseling, viel zijn blik op de groote pendule. - -Dit prachtige bronzen uurwerk was juist het ding, dat Raffles zocht. - -Hij ging er heen en belichtte haar eerst zorgvuldig aan alle kanten met -zijn electrische zaklantaarn. - -Juist! - -Daar zag hij een heel klein schelletje, bijna onzichtbaar aangebracht, -maar toch ontdekt door de Argusoogen van den meester-dief. - -Als de klok werd weggenomen, ging het schelletje luiden, dat zeker in -de slaapkamer van den oplichter alarm zou slaan. - -Raffles glimlachte zegevierend. - -Hij sneed den electrischen draad van het schelletje met zijn werktuigen -door. - -Ziezoo! - -Nu kon hij de pendule zonder gevaar verzetten. - -Hoera!! - -Hij had gevonden wat hij zocht, daar waren de papieren. Een bevel tot -inhechtenisneming, een pas, een photographie, door de politie -afgestempeld, en andere dingen, die de identiteit van den inbreker -Willy Warren volkomen aanduidden. - -Er waren ook een paar minnebrieven uit vroeger tijd en het portret van -een beruchte vrouw uit Londen. - -Dat was een goede vondst voor Raffles. - -Vlug borg hij alles bij zich. - -Toen zette hij de pendule weer op haar plaats. - -Raffles had nu, wat hij noodig had. - -Maar nu deed zich een omstandigheid voor, waarop hij niet had gerekend. - -Hij kon de kamer niet uit. - -De jaloezieën voor de vensters waren stevig gesloten, evenals de -deuren. - -Raffles zou natuurlijk wel kans hebben gezien om naar buiten te komen, -maar het was hem er om te doen om geen enkel spoor na te laten. - -Zoo bleef hem niets anders over dan weer in de kast te gaan. - -Het begon al te schemeren, want er was heel wat tijd heengegaan met het -zoeken naar de papieren. - -De groote onbekende bracht een tijd door, die tot de onaangenaamste -herinneringen van zijn leven bleef behooren en waaraan hij later steeds -met rilling terugdacht. - -Alex Grigoriew kwam in den morgen in het kleine salon, waar hij zijn -thee dronk en een uitgebreide correspondentie beantwoordde. - -Het was afschuwelijk weer. - -De valsche speler ging dus niet uit en bleef urenlang in de zitkamer. - -Als hij haar eens verliet, was het slechts voor een enkel oogenblik. - -Al dien tijd zat Raffles in de kast. - -Het was donker om hem heen. - -Hij had eten noch drinken tot zich kunnen nemen en zijn geliefkoosde -sigaret miste hij nog het ergst. - -Hij moest zich echter doodstil houden en nauwelijks durfde hij -ademhalen in een atmosfeer, die bezwangerd was met hout- en -terpentijnlucht. - -De vorst morrelde intusschen voortdurend in de vakjes en laden der -kast. - -Elk oogenblik kon een ontdekking volgen en dan was Raffles aan zijn -vijand overgeleverd, want hij had bemerkt, dat „Diamanten-Bill” juist -een stoel had geschoven voor dien kant van de kast, waarlangs Raffles -zou kunnen vluchten. - -En op den stoel stond een heele stapel boeken. - -Raffles zat dus in de knip en durfde zich derhalve niet verroeren. - -De dag viel hem eindeloos lang, het was voor hem een hel op aarde. - -En Charly, dacht Raffles. - -Als Charly in zijn overgroote ijver en uit bezorgdheid voor zijn vriend -maar geen dwaze dingen ging doen. - -Als Charly maar niet alles bedierf. - -Raffles leed geweldig. - -Eindelijk—eindelijk viel de avond. - -Uit het gesprek van den vorst met zijn bediende had Raffles gehoord, -dat het weer beter was en dat de vorst wilde uitgaan. - -Grigoriew maakte groot toilet, waarschijnlijk had hij aangename -afspraken. - -Raffles haalde verruimd adem. - -Toen alles stil was geworden, opende de meesterdief de deur van zijn -gevangenis; de stoel was door een bediende ter zijde gezet. - -Door het venster sprong hij nu in den tuin, wat hem zonder eenige -moeite gelukte. - -Toen klom hij, handig, als een kat, over het hooge hek en ijlde naar -zijn hotel. - -Brand was er niet! - -Waar ter wereld zou die nu weer zitten? Het hotelpersoneel wist te -vertellen, dat hij door een heer was afgehaald. - -Door een heer? - -Wie kon dat zijn? - -Brand had hier geen kennissen. - -Was het misschien de jonge lord Montefiore? Maar de beschrijving, door -den ober gegeven, kwam met diens persoonlijkheid allerminst overeen. - -Raffles at stevig en dronk een verkwikkend glas wijn. - -Toen wachtte hij op de terugkomst van zijn vriend. - -Charly kwam echter niet zoo gauw terug en Raffles, door vermoeienis -overmand, ging naar bed. - -Maar toen hij den volgenden morgen opstond, was Brand nog altijd niet -op het appèl verschenen. - - - - - - - - -TIENDE HOOFDSTUK. - -ONGEWENSCHT BEZOEK. - - -Raffles had geen tijd te verliezen. - -Hij was van oordeel, dat men het ijzer moet smeden als het heet is. - -Uit zijn kleerenvoorraad nam hij de uniform van een Italiaansch -officier van politie, trok deze aan en ging naar de villa van Grigoriew -in de Avenue Gambetta. - -Vorst Alex schrikte niet weinig, toen hij van zijn bediende vernam, dat -een politie-man hem wenschte te spreken. - -Wat kon de Italiaansche politie van hem weten? - -Hier, in Cannes kon immers niemand iets bewijzen. - -Al de compromitteerende papieren lagen keurig verborgen onder de klok -in een geheime bergplaats. - -Hij liet den officier binnenkomen. - -Deze boog en nam plaats in een leunstoel. - -„Ik kom wegens een aanklacht”, begon de bezoeker. - -„Een aanklacht?” - -Alex werd koud en bleek. - -Wat was dat? - -Zou hij een aanklacht hebben ingediend? - -Hij? - -Geen kwestie van. - -Al had men hem al zijn millioenen en diamanten ontstolen, dan nog zou -hij wel oppassen, een aanklacht in te dienen. - -Wat zou hij antwoorden? - -Nog nooit was hij in zoo’n moeilijk parket geweest. - -De bezoeker scheen echter niets van de verwarring te bespeuren en -vervolgde: - -„Uwe Doorluchtigheid is vannacht bestolen en— —” - -„Bestolen?” barstte „Diamanten-Bill” los, „bestolen? Ja, juist, -bestolen—bestolen!” - -„De dief moet papieren van waarde hebben meegenomen, die verborgen -waren in een geheime bergplaats, onder een pendule.” - -De valsche speler kromp ineen. - -Wat? - -Onder de pendule vandaan? - -De vorst stond op en vloog naar den schoorsteen toe. - -Een enkele blik overtuigde hem ervan, dat de compromitteerende papieren -inderdaad mankeerden. - -En de politie wist dus al van den diefstal! - -Welke schurk kon haar hebben ingelicht? - -Ha! Hij was er! - -Natuurlijk alleen de dief zelf! - -Maar wie kende zijn geheimen? - -„Raffles!” - -Als een bliksemstraal vloog hem die naam door het hoofd. - -Raffles!! - -Ja, hij wist, wie en wat de Russische vorst Grigoriew feitelijk was! - -Hij alleen kende de geschiedenis van Willy Warren! - -Maar waarom had de meester-dief hem aangeklaagd? - -Ja, waarom? - -Gelukkig scheen de politieman er geen flauw vermoeden van te hebben, -hoezeer zijn boodschap den vorst had verontrust. - -Hij scheen alleen oogen te hebben voor de pendule. - -Die bezoeker, dacht Billy, scheen ook al niet tot de snuggersten te -behooren. - -Wacht! - -Hij zou hem misschien om den tuin kunnen leiden. - -„Hier kan alleen sprake zijn van een huisgenoot, die den diefstal heeft -gepleegd”, bracht Bill eindelijk met moeite er uit. - -„Dus ge denkt, dat de diefstal door een van uw ondergeschikten is -gepleegd?” - -„Ik vermoed het althans, want het is onmogelijk, dit huis binnen te -dringen!” - -„Ook voor een meester-dief? Denkt ge dat zeker?” - -En weer vloog het den oplichter door het hoofd: - -Raffles— —Raffles. - -Hij antwoordde niet. - -De officier vervolgde: - -„Wij hebben eenige aanwijzingen. Kent ge zekeren Raffles? John C. -Raffles!” - -„Natuurlijk! Zeker!” bracht Grigoriew er, onvoorzichtig genoeg, uit. - -Tegelijkertijd bemerkte hij, dat hij de grootste domheid had begaan. - -Hij vervolgde: - -„Ik heb ten minste van hem gehoord, maar ik ga weinig met vreemden om!” - -„Ge hebt toch met lord Montefiore verkeerd?” vroeg de officier -glimlachend. - -Alex stokte. - -Die man scheen toch wel drommels goed op de hoogte te zijn. - -„Zal ik mijn bedienden misschien roepen?” vroeg Bill, om zich een -houding te geven. - -„Ja, Uwe Doorluchtigheid, doe dat”, antwoordde de bezoeker met lichte -ironie in zijn stem. „Ik zal u zelf later wel in verhoor nemen. Het -komt er maar op aan, hen niet te laten ontsnappen. Hebt ge misschien -een geschikte plaats in de villa, waar men hen kan opsluiten?” - -„In de dienstbodenkamer misschien?” - -„Dat is goed. Zeg den lieden, dat zij daarheen moeten gaan. Wij gaan -dan later en sluiten hen op, voordat ze er op bedacht zijn!” - -Grigoriew haalde verruimd adem. - -Hij, Bill, had gewonnen spel. - -De arme bedienden schrikten niet weinig, toen zij naar de -dienstbodenkamer gezonden en daar opgesloten werden. - -Maar zij bleven kalm, overtuigd als ze waren van hun onschuld. - -De politie-officier zei nu tot den vorst: - -„Dat de bedienden zelf de papieren hebben gestolen, houdt de politie -voor onwaarschijnlijk. - -„Mogelijk is het echter dat zij, vrijwillig of daartoe gedwongen, hulp -hebben verleend. - -„Wij weten namelijk, hoe de dief in uw villa gekomen is!” - -Alex verbaasde zich hoe langer hoe meer. - -Hij had totnogtoe nooit een hoogen dunk van de politie gehad. - -Maar nu toch moest hij bekennen, dat er ook nog wel gewiekste lieden -onder hen werden aangetroffen. - -„De inbreker heeft zich eenvoudig laten insluiten in uw nieuwe kast”. - -„Hoe? Wat zegt u? Meent ge dat?” - -„Wel natuurlijk!” - -„Maar dat is immers onmogelijk!” - -„Volstrekt niet!” - -„Ik kocht de kast— —” - -„Dat is ons allemaal bekend!” - -„En— —??” - -„Raffles wist het meubel op geslepen wijze in zijn bezit te krijgen en -haar door een schrijnwerker zóó te laten veranderen, dat zij geschikt -werd voor het doel.” - -„Zóó— —” - -„Uwe Doorluchtigheid kan zich ervan overtuigen!” - -De beambte had dit alles den vorst verteld met de grootste -vriendelijkheid. - -Het draaide den vorst voor de oogen, het duizelde en warrelde hem. - -Door al die plotselinge, zoo geheel onverwachte mededeelingen was hij -als ’t ware verbluft, verdoofd, overdonderd. - -Maar toch dacht hij nog zoo helder, dat hij het als een geluk -beschouwde, dat het de politie niet gelukt was, ook zijn geheim te -onthullen. - -De beambte scheen althans niet het flauwste vermoeden te hebben. - -Deze vervolgde: - -„Ik ben er inderdaad nieuwsgierig naar om te zien, hoe de dief zich in -de kast heeft kunnen verbergen, zonder dat iemand het bemerkt heeft. -Hebt ge niet verteld, dat ge zelf uwe papieren in de kast hebt -gerangschikt?” - -Bill herinnerde zich niet, een dergelijke opmerking te hebben gemaakt, -maar hij had zich voorgenomen op alles maar ja te zeggen en zoo -beantwoordde hij deze vraag dan ook bevestigend. - -De beambte begon nu de kast van alle kanten te doorzoeken. - -Hij klopte, schudde, luisterde, snuffelde, deed alle deuren open, keek -in alle kasten, maar vond niets verdachts. - -Alex werd nu toch ook nieuwsgierig. - -Zou Raffles hem inderdaad de baas zijn geweest? - -Maar hoe meer hij met den politieman zocht, hoe onverklaarbaarder werd -hem de heele zaak. - -Alle drommels! - -Hij verstond het vak toch ook! - -Hier echter reikte zijn kennis te kort. - -Plotseling echter sprong de linkerzijde van de kast los. - -Een van beide onderzoekenden moest het mechanisme hebben aangeraakt. - -Wie het geweest was, kon niet gezegd worden. - -Bill beweerde, dat hij het niet was en de beambte beweerde hetzelfde. - -Het kwam er immers ook niet op aan; het resultaat was toch hetzelfde. - -„O”, zei de politiebeambte met groote bewondering, „dat is inderdaad -prachtig. Nu begrijp ik ook, dat ge het geheim niet hebt kunnen -ontdekken. ’t Is inderdaad geniaal gevonden”. - -Ook de vorst was eveneens vol bewondering en verbazing. - -„Ik begrijp alleen maar niet”, vervolgde de beambte, „hoe een mensch -zich in die smalle ruimte heeft kunnen verbergen. Wat denkt gij er van, -Doorluchtigheid? Men zou inderdaad in de verzoeking komen om eens de -proef op de som te nemen”. - -Alex was nieuwsgierig geworden. - -Het interesseerde hem, hoe zijn vakgenoot dat zaakje voor elkander had -gebracht. Hij volgde dan ook zonder aarzeling de uitnoodiging van den -beambte, en klom, niet zonder eenige moeite, in de kast. - - - - - - - - -ELFDE HOOFDSTUK. - -IN DE MUIZENVAL. - - -Nauwelijks was Grigoriew in de enge ruimte beland of de kast ging -dicht. - -Hij kreeg een onbehagelijk gevoel, hoewel hij er nog geen oogenblik aan -dacht, dat hier boos opzet in het spel was. - -Daar werd echter plotseling een klep opengedaan, en voor de opening -vertoonde zich het gelaat van den politiebeambte. - -„Alle duivels, Doorluchtigheid”, sprak deze, „dat ziet er leelijk uit. -Ik kan de deur niet meer open krijgen. Beproeft gij het eens aan den -binnenkant. Misschien vindt gij den sleutel tot de vrijheid weer”. - -Maar Alex vond dien sleutel niet. Hij zat hier in de kast gevangen en -kon zich niet verroeren. - -Zijn ondergeschikten waren al in de dienstbodenkamer opgesloten, en -voor de kast stond de beambte die steeds vreemder ging doen! - -Het koude zweet parelde op het voorhoofd van Zijne Doorluchtigheid. - -Wat moest hij beginnen? - -Het hart bonsde hem in de keel. - -Hij zou niet lang meer in twijfel blijven, dat hij geheel ontmaskerd -was. - -De beambte begon: - -„Gij zijt mijn gevangene, Willy Warren. Ik behoef u zeker uw misdaden -niet op te sommen. Gij kent die alle! Zéker nog beter dan de politie”. - -Hoe brutaal de oplichter anders ook was, thans verstomde hij. - -Hij dacht een beroerte van kwaadheid te zullen krijgen en hijgde naar -adem. Zijn hulpelooze positie snoerde hem letterlijk de keel toe. - -„En geef u overigens geen moeite om uw onschuld te bewijzen. Uw -papieren, die ge zoo zeker dacht te hebben bewaard zijn alle in handen -van de politie. Zij zijn dezen nacht onder de pendule weggenomen”. - -„Dat kan alleen die schurk, die Raffles gedaan hebben”, siste de man in -de kast. - -„Juist, Willy Warren, Raffles heeft het gedaan. Niemand anders zou die -overmoedige daad hebben klaar gespeeld. Maar in een ding hebt ge toch -ongelijk: een schurk is die Raffles niet”. - -„Hij is een schurk”, brulde Warren. „Anders had hij de politie niet in -kennis van de zaak gesteld.” - -„Dat heeft hij niet gedaan, ik zelf ben Raffles!” - -De groote onbekende deed den uniformhoed en zijn pruik af, maar zette -beiden dadelijk weer op zijn hoofd. - -Warren was paf van verbazing. - -Hij begreep, dat hij nu geheel was overgeleverd aan de willekeur van -den grooten onbekende. - -„Wat wilt ge van mij, Raffles?” siste hij eindelijk tusschen de tanden, -terwijl Lord Lister het pistool ophief en hem vast in de oogen keek. - -„We zullen eens kalm een paar woorden met elkander spreken. We zijn -immers collega’s,—al heb ik ook geen moorden op mijn geweten, zooals -jij. Maar dat moet je maar voor jezelf verantwoorden”. - -„Dat zal ik ook, Raffles!” - -„Luister nu eens, Warren. Ik ben hier gekomen om met je te -onderhandelen. Ik wil je iets verkoopen.” - -„Wat dan?” - -„Je papieren”. - -„Die je mij ontstolen hebt!” schreeuwde de inbreker. - -„Noem het, zooals je wilt, Warren. Er zijn misdaden, die heel wat erger -zijn”. - -„En wat verlang je voor die papieren?” - -„Tien millioen francs!” - -„Tien millioen francs? Je bent gek!” - -„Niet zoo gek als jij, als je weigert die som te betalen”. - -„Hoe zoo?” - -„Omdat je dan alles verliest! En ik denk, dat je nog heel wat meer -bezit. Want je waart al een rijk man, voordat je den jongen lord -Montefiore hebt uitgeplunderd”. - -„Hoe weet je dat?” - -„Hij heeft het me zelf verteld!” - -„Ken je hem dan?” - -„Zeker. Ik heb hem ontmoet, toen hij op het punt stond, zich op te -hangen aan een der hooge palmen van het park, omdat jij hem geruïneerd -hadt”. - -De valsche speler zweeg een oogenblik. Toen sprak hij: - -„Goed, Raffles. Ik ben in je macht, en ik ben dus bereid, je papieren -te koopen. Maar dan moet je ook een menschelijken prijs vragen”. - -„Ik vraag den prijs, dien je lord Montefiore hebt ontstolen met valsch -spel.” - -„Montefiore is een uil! Hij verdient niet anders. - -„Dat kan wel zijn. Maar hij is een goede, eerlijke jongen. En jij houdt -nog een aardig sommetje over, als je die tien millioen hebt -terugbetaald. Sla je toe?” - -Warren beet zich op de lippen. - -„En als ik het niet doe?” siste hij. - -„Wees niet gek,” vermaande hem Raffles, „en bedenk, dat het voor je -eigen bestwil is. Als jij de tien millioen betaalt, krijg je de -papieren terug, en anders stuur ik je bediende met al de paperassen -naar de politie. Stel je eens voor, Willy, wat zouden die heeren ginds -een pret hebben, als ze je hier in die kast zagen zitten.” - -De gevangene rilde. - -Inderdaad! De zaak stond zóó en niet anders. En Raffles gedroeg zich -waarachtig nog fatsoenlijk. Want hij vroeg niets voor zichzelf, en -alles voor den jongen lord. - -„Waar zijn de papieren?” vroeg Warren op een heeschen toon. „Heb je ze -bij je?” - -„Wat denk je nu van mij? Neen, Warren, ik heb ze goed bewaard!” - -„En wanneer krijg ik ze terug?” - -„Zoo spoedig als de tien millioen in mijn bezit zijn.” - -„’t Is goed!” - -„Dus je neemt het aan?” - -„Ja.” - -„Schrijf dan dadelijk den wissel, want ik vertrouw je precies zoo ver -als ik je zie. Ik zal nu de kast open maken en je er uitlaten. Maar pas -op, dat je geen rare dingen gaat doen, want dan ben je er geweest.” - -„Ik weet, dat ik in je macht ben, Raffles. Als ik van mijn kant er maar -zeker van ben, dat ik de papieren terug krijg.” - -„Je kunt me volkomen vertrouwen, Warren.” - -En Warren gaf het bewijs, dat hij den grooten onbekende volkomen -vertrouwde, door een cheque uit te schrijven van tien millioen francs. - -John Raffles nam glimlachend het papier in ontvangst, en stak het bij -zich. - -In hetzelfde oogenblik dreunden slagen tegen de buitendeur. „In naam -der wet, doe open! Het huis is omsingeld. Wee dengene, die zich -verzet!” - - - - - - - - -TWAALFDE HOOFDSTUK. - -EEN ONVERWACHTE GEBEURTENIS. - - -Beide mannen waren bleek geworden. - -Zij wisten maar al te goed wat het beteekende, als de politie hen op de -hielen zat. - -„Verraad,” knarsetandde Warren. - -Woedend vloog hij op Raffles af, en dreigend hief hij een -papiersnijder, die hij van de schrijftafel had afgenomen, in de hoogte. - -Raffles had al heel spoedig zijn tegenwoordigheid van geest -teruggekregen. - -„Wees toch verstandig, Warren. Mijn eerewoord, dat ik je niet verraden -heb. En de papieren zijn veilig. Dat verzeker ik je.” - -Deze woorden, met nadruk gesproken, misten hun uitwerking niet. - -„Ik geloof je, Raffles,” sprak hij, „en ik vertrouw ook, dat je me nu -zult helpen en redden.” - -„Als de politie tegen ons is, dan vechten we samen.” - -„Dat is goed! Beveel jij—ik zal gehoorzamen!” - -De oogen van den meester-dief straalden. - -„Vooruit dan, klim vlug in de kast,” beval hij. - -Warren keek hem een oogenblik met wantrouwen aan. - -Daar werd weer op de deur gebeukt. - -„Vooruit,” drong Raffles nog eens aan. - -Warren deed nu, wat hem gezegd werd. - -Raffles sloot de kastdeur, en ging naar de huisdeur. - -Daar stonden vier politie-agenten onder leiding van een inspecteur van -de recherche, en zij waren niet weinig verbaasd, den Italiaanschen -politie-beambte hier aan te treffen. - -„Ik zie,” sprak hij, „dat ik onverwachte hulp krijg. Goeden morgen, -heeren! Wien zoekt ge?” - -„Waarschijnlijk denzelfde als gij. Namelijk John Raffles, den beruchten -inbreker.” - -„Ja, inderdaad, dien zoek ik ook.” - -„Mag ik weten, met wien ik het genoegen heb?” vroeg de Fransche -inspecteur. - -„Zeker, mijn naam is Bassignole, uit San Remo. Ik ben zoo juist te -Cannes aangekomen, want wij kregen bericht, dat Raffles zich verscholen -hield in de villa van vorst Alex Grigoriew in de Avenue Gambetta. Maar -kom toch binnen, heeren!” - -De Fransche politiemannen gingen binnen, en Raffles sloot de deur, -waarna hij de sleutels bij zich stak. - -Thans vervolgde hij: - -„Ik ben per automobiel haar hier gegaan, om den vogel te knippen. Maar -hij is, helaas, reeds gevlogen.” - -De Franschen keken teleurgesteld. - -„Hebt ge den eigenaar van de villa reeds gesproken?” - -„Vorst Grigoriew?” - -„O zeker, hij is een kwartier geleden de deur uitgegaan, om eenige -zaken af te wikkelen.” - -Op fluistertoon vroeg de inspecteur den meester-dief: „Zoudt gij -denken, dat vorst Grigoriew met dien Raffles onder één hoedje speelt?” - -„Geen kwestie van,” antwoordde John met volle overtuiging. - -„Er zijn lieden, die dergelijke vermoedens uitspreken.” - -„Dat zijn praatjes, louter praatjes. De vorst is een speler, maar dat -zijn alle Russen.” - -„Ge hebt gelijk, dat dacht ik ook al.” - -„Maar hebt ge al eens rondgekeken in huis, of de inbreker zich ergens -verborgen heeft?” - -„Ja, ik heb al wat rondgekeken, en de dienstboden op een kamer -opgesloten.” - -„Waarom dat?” - -„Opdat die lieden Raffles niet in zijn vlucht zouden kunnen helpen. Die -meester-dief verstaat namelijk uitstekend de kunst om de -ondergeschikten altijd op zijn hand te krijgen.” - -„Ge hebt heel verstandig gehandeld, meneer Bassignole.” - -„Dank u.” - -„Denkt ge, dat Raffles hier in huis is?” - -Lord Lister haalde de schouders op. - -„Ik zou het u inderdaad niet kunnen zeggen.” - -„Hebt ge dan nergens een spoor van hem gevonden?” - -„Niet het minste, maar ik heb ook nog niet al te nauwkeurig het huis -doorzocht, want ik wilde juist naar het politiebureau telefoneeren. Nu -is dat echter niet meer noodig, daar wij met behulp van uwe manschappen -alles kunnen doorzoeken.” - -„Zeker, dat zullen we.” - -„De vorst verzocht mij, om zijn eigendommen te willen ontzien.” - -„Dat is niet meer dan natuurlijk.” - -Willy Warren, die in de ouderwetsche kast eerst duizend vreezen had -uitgestaan, was langzamerhand kalmer geworden. - -Nu bewonderde hij in stilte de handigheid van den genialen Raffles, die -inderdaad meesterlijk de kunst verstond om de zaakjes te plooien. - -Doordat Raffles aanbood het huis te doorzoeken, verviel natuurlijk elke -achterdocht, dat de vorst en de inbreker onder één hoedje speelden. - -De politie ging zoeken. - -Niets werd echter gevonden, hoewel alles ondersteboven werd gehaald. - -Men begon met de slaapkamer, volgden de kleed-, billard-, muziek-, -eet-, rook-, bibliotheek-, bad- en andere kamers. Volgden de salons en -logeerkamers, de meiden- en provisiekamers, de zolders, kelders, en -alles, wat bij de villa behoorde. - -Maar nergens werd een spoor van Raffles gevonden. De dienstboden -zwoeren, dat zij hoegenaamd niets verdachts hadden bespeurd. - -De middag was allang voorbij, toen men eindelijk het vergeefsche zoeken -moede was. - -„Wacht even, collega”, sprak Raffles tot den inspecteur, toen men op de -eerste verdieping nog bezig was, „ik hoor daar den heer des huizes -thuiskomen. Ik zal hem even gaan opendoen, daar ik, zooals ge weet, de -voordeur heb afgesloten.” - -De inspecteur koesterde geen achterdocht. - -De meester-dief echter ging niet naar de voordeur, maar naar de -studeerkamer, om den ongeduldigen Bill uit zijn gevangenis te -bevrijden. - -In weinig woorden vertelde hij hem alles, wat was voorgevallen en sprak -toen: - -„Kleed je vlug, Warren, en zet den hoogen hoed op, alsof je van de -wandeling thuis kwaamt. Kom dan boven en ga goed te keer op Raffles. -Zweer den inspecteur, dat je den dief een kogel door het hoofd zult -jagen, als je hem ontmoet.” - -Willy Warren was dadelijk in zijn rol. - -Hij vond den inspecteur danig teleurgesteld, daar al het zoeken geen -resultaat had opgeleverd. - -„Laat ons dan naar het politie-bureau gaan”, stelde Raffles voor, „ik -wil graag kennis maken met den commissaris. Misschien zijn er ook weer -nieuwe berichten binnengekomen.” - -De inspecteur vond het goed. - -Men nam afscheid van den vorst en verliet de fraaie villa. - -Toen Raffles met de politie-mannen op straat kwam, zag hij een matroos -van de Fransche marine op en neer loopen. - -Het was Charly Brand. - -„Pardon, heeren”, sprak Raffles, „daar zie ik den ordonnans van mijn -vriend Camille Crébillon, den zee-officier. Sta mij toe, dat ik hem een -korte opdracht geef voor zijn heer, dien ik vanavond zou willen -bezoeken.” - -„Ga gerust uw gang.” - -„Ge kunt vooruitgaan, inspecteur. Ik volg dadelijk.” - -De inspecteur groette en ging verder. - -Raffles vloog naar Brand. - -„Wel? Wat is er? Waar heb je gezeten?” - -„Stil! De politie is ons op de hielen. Ga mee, naar het strand. Daar -ligt een bark klaar. Ik heb het schip gehuurd voor een reis naar -Sainte-Marguerite. We zeilen dadelijk weg.” - -„En onze effecten? Ons geld?” - -„Is allemaal al aan boord van het schip. Ik heb juist de hotelrekening -betaald, opdat lord Lister niet den naam van oplichter zal krijgen.” - -„Je schijnt alles héél slim te hebben overlegd. Misschien ben je toch -wel verstandiger, dan ik dacht, beste jongen.” - -Na enkele oogenblikken hadden de beide vrienden het strand bereikt en -het schip beklommen. - -Het vaartuig stiet van wal, nog voordat de inspecteur van politie het -bureau had bereikt. - -„Hebben wij proviand aan boord?” vroeg Raffles. - -„Alles wat je maar verlangt.” - -„Dan zullen we het er eens heerlijk van nemen, ik heb namelijk -vreeselijken honger.” - -„Ga mee in de kajuit, de tafel is gedekt!” - -„Prachtig, Charly! Je bent een beste kerel!” zei Raffles. - -Hij bond zich het servet onder de kin en begon, zoo kalm mogelijk, te -eten, terwijl de bark met haar witte, schitterende zeilen de blauwe -golven van de Middellandsche Zee kliefde—de vrijheid tegemoet. - - - - -*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 7: DE SPEELVORST VAN -MONACO *** - -Updated editions will replace the previous one--the old editions will -be renamed. - -Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright -law means that no one owns a United States copyright in these works, -so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the -United States without permission and without paying copyright -royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part -of this license, apply to copying and distributing Project -Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm -concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark, -and may not be used if you charge for an eBook, except by following -the terms of the trademark license, including paying royalties for use -of the Project Gutenberg trademark. If you do not charge anything for -copies of this eBook, complying with the trademark license is very -easy. You may use this eBook for nearly any purpose such as creation -of derivative works, reports, performances and research. Project -Gutenberg eBooks may be modified and printed and given away--you may -do practically ANYTHING in the United States with eBooks not protected -by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the trademark -license, especially commercial redistribution. - -START: FULL LICENSE - -THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK - -To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase "Project -Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full -Project Gutenberg-tm License available with this file or online at -www.gutenberg.org/license. - -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project -Gutenberg-tm electronic works - -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or -destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your -possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a -Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound -by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the -person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph -1.E.8. - -1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this -agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm -electronic works. See paragraph 1.E below. - -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the -Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection -of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual -works in the collection are in the public domain in the United -States. If an individual work is unprotected by copyright law in the -United States and you are located in the United States, we do not -claim a right to prevent you from copying, distributing, performing, -displaying or creating derivative works based on the work as long as -all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope -that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting -free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm -works in compliance with the terms of this agreement for keeping the -Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily -comply with the terms of this agreement by keeping this work in the -same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when -you share it without charge with others. - -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are -in a constant state of change. If you are outside the United States, -check the laws of your country in addition to the terms of this -agreement before downloading, copying, displaying, performing, -distributing or creating derivative works based on this work or any -other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no -representations concerning the copyright status of any work in any -country other than the United States. - -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: - -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other -immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear -prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work -on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the -phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, -performed, viewed, copied or distributed: - - This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and - most other parts of the world at no cost and with almost no - restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it - under the terms of the Project Gutenberg License included with this - eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the - United States, you will have to check the laws of the country where - you are located before using this eBook. - -1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is -derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not -contain a notice indicating that it is posted with permission of the -copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in -the United States without paying any fees or charges. If you are -redistributing or providing access to a work with the phrase "Project -Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply -either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or -obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm -trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any -additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms -will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works -posted with the permission of the copyright holder found at the -beginning of this work. - -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. - -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg-tm License. - -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including -any word processing or hypertext form. However, if you provide access -to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format -other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official -version posted on the official Project Gutenberg-tm website -(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense -to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means -of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain -Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the -full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1. - -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works -provided that: - -* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed - to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has - agreed to donate royalties under this paragraph to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid - within 60 days following each date on which you prepare (or are - legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty - payments should be clearly marked as such and sent to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in - Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg - Literary Archive Foundation." - -* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm - License. You must require such a user to return or destroy all - copies of the works possessed in a physical medium and discontinue - all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm - works. - -* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of - any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days of - receipt of the work. - -* You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg-tm works. - -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project -Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than -are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing -from the Project Gutenberg Literary Archive Foundation, the manager of -the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the Foundation as set -forth in Section 3 below. - -1.F. - -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -works not protected by U.S. copyright law in creating the Project -Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm -electronic works, and the medium on which they may be stored, may -contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate -or corrupt data, transcription errors, a copyright or other -intellectual property infringement, a defective or damaged disk or -other medium, a computer virus, or computer codes that damage or -cannot be read by your equipment. - -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right -of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. - -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium -with your written explanation. The person or entity that provided you -with the defective work may elect to provide a replacement copy in -lieu of a refund. If you received the work electronically, the person -or entity providing it to you may choose to give you a second -opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If -the second copy is also defective, you may demand a refund in writing -without further opportunities to fix the problem. - -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO -OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT -LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. - -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of -damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement -violates the law of the state applicable to this agreement, the -agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or -limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or -unenforceability of any provision of this agreement shall not void the -remaining provisions. - -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in -accordance with this agreement, and any volunteers associated with the -production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm -electronic works, harmless from all liability, costs and expenses, -including legal fees, that arise directly or indirectly from any of -the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this -or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or -additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any -Defect you cause. - -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm - -Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of -computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It -exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations -from people in all walks of life. - -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's -goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg-tm and future -generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see -Sections 3 and 4 and the Foundation information page at -www.gutenberg.org - -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation - -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non-profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by -U.S. federal laws and your state's laws. - -The Foundation's business office is located at 809 North 1500 West, -Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up -to date contact information can be found at the Foundation's website -and official page at www.gutenberg.org/contact - -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation - -Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without -widespread public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine-readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. - -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To SEND -DONATIONS or determine the status of compliance for any particular -state visit www.gutenberg.org/donate - -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. - -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. - -Please check the Project Gutenberg web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. To -donate, please visit: www.gutenberg.org/donate - -Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works - -Professor Michael S. Hart was the originator of the Project -Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be -freely shared with anyone. For forty years, he produced and -distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of -volunteer support. - -Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in -the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not -necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper -edition. - -Most people start at our website which has the main PG search -facility: www.gutenberg.org - -This website includes information about Project Gutenberg-tm, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. diff --git a/old/66784-0.zip b/old/66784-0.zip Binary files differdeleted file mode 100644 index 9fe26ef..0000000 --- a/old/66784-0.zip +++ /dev/null diff --git a/old/66784-h.zip b/old/66784-h.zip Binary files differdeleted file mode 100644 index 9d42db7..0000000 --- a/old/66784-h.zip +++ /dev/null diff --git a/old/66784-h/66784-h.htm b/old/66784-h/66784-h.htm deleted file mode 100644 index 878256f..0000000 --- a/old/66784-h/66784-h.htm +++ /dev/null @@ -1,4437 +0,0 @@ -<!DOCTYPE html -PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN" "http://www.w3.org/TR/html4/loose.dtd"> -<!-- This HTML file has been automatically generated from an XML source on 2021-11-21T11:06:22Z using SAXON HE 9.9.1.8 . --> -<html lang="nl"> -<head> -<meta http-equiv="Content-Type" content="text/html; charset=utf-8"> -<title>Lord Lister No. 7: De speelvorst van Monaco</title> -<meta name="generator" content="tei2html.xsl, see https://github.com/jhellingman/tei2html"> -<meta name="author" content="Kurt Matull (1872–1930?) Theo von Blankensee [Pseudoniem van Mathias Blank (1881–1928)]"> -<link rel="coverpage" href="images/lordlister0007-front.jpg"> -<link rel="schema.DC" href="http://dublincore.org/documents/1998/09/dces/"> -<meta name="DC.Creator" content="Kurt Matull (1872–1930?) Theo von Blankensee [Pseudoniem van Mathias Blank (1881–1928)]"> -<meta name="DC.Title" content="Lord Lister No. 7: De speelvorst van Monaco"> -<meta name="DC.Language" content="nl-1900"> -<meta name="DC.Format" content="text/html"> -<meta name="DC.Publisher" content="Project Gutenberg"> -<meta name="DC:Subject" content="Detective and mystery stories -- Periodicals"> -<meta name="DC:Subject" content="Dime novels -- Periodicals"> -<style type="text/css"> /* <![CDATA[ */ -html { -line-height: 1.3; -} -body { -margin: 0; -} -main { -display: block; -} -h1 { -font-size: 2em; -margin: 0.67em 0; -} -hr { -height: 0; -overflow: visible; -} -pre { -font-family: monospace, monospace; -font-size: 1em; -} -a { -background-color: transparent; -} -abbr[title] { -border-bottom: none; -text-decoration: underline; -text-decoration: underline dotted; -} -b, strong { -font-weight: bolder; -} -code, kbd, samp { -font-family: monospace, monospace; -font-size: 1em; -} -small { -font-size: 80%; -} -sub, sup { -font-size: 67%; -line-height: 0; -position: relative; -vertical-align: baseline; -} -sub { -bottom: -0.25em; -} -sup { -top: -0.5em; -} -img { -border-style: none; -} -body { -font-family: serif; -font-size: 100%; -text-align: left; -margin-top: 2.4em; -} -div.front, div.body { -margin-bottom: 7.2em; -} -div.back { -margin-bottom: 2.4em; -} -.div0 { -margin-top: 7.2em; -margin-bottom: 7.2em; -} -.div1 { -margin-top: 5.6em; -margin-bottom: 5.6em; -} -.div2 { -margin-top: 4.8em; -margin-bottom: 4.8em; -} -.div3 { -margin-top: 3.6em; -margin-bottom: 3.6em; -} -.div4 { -margin-top: 2.4em; -margin-bottom: 2.4em; -} -.div5, .div6, .div7 { -margin-top: 1.44em; -margin-bottom: 1.44em; -} -.div0:last-child, .div1:last-child, .div2:last-child, .div3:last-child, -.div4:last-child, .div5:last-child, .div6:last-child, .div7:last-child { -margin-bottom: 0; -} -blockquote div.front, blockquote div.body, blockquote div.back { -margin-top: 0; -margin-bottom: 0; -} -.divBody .div1:first-child, .divBody .div2:first-child, .divBody .div3:first-child, .divBody .div4:first-child, -.divBody .div5:first-child, .divBody .div6:first-child, .divBody .div7:first-child { -margin-top: 0; -} -h1, h2, h3, h4, h5, h6, .h1, .h2, .h3, .h4, .h5, .h6 { -clear: both; -font-style: normal; -text-transform: none; -} -h3, .h3 { -font-size: 1.2em; -} -h3.label { -font-size: 1em; -margin-bottom: 0; -} -h4, .h4 { -font-size: 1em; -} -.alignleft { -text-align: left; -} -.alignright { -text-align: right; -} -.alignblock { -text-align: justify; -} -p.tb, hr.tb, .par.tb { -margin: 1.6em auto; -text-align: center; -} -p.argument, p.note, p.tocArgument, .par.argument, .par.note, .par.tocArgument { -font-size: 0.9em; -text-indent: 0; -} -p.argument, p.tocArgument, .par.argument, .par.tocArgument { -margin: 1.58em 10%; -} -td.tocDivNum { -vertical-align: top; -} -td.tocPageNum { -vertical-align: bottom; -} -.opener, .address { -margin-top: 1.6em; -margin-bottom: 1.6em; -} -.addrline { -margin-top: 0; -margin-bottom: 0; -} -.dateline { -margin-top: 1.6em; -margin-bottom: 1.6em; -text-align: right; -} -.salute { -margin-top: 1.6em; -margin-left: 3.58em; -text-indent: -2em; -} -.signed { -margin-top: 1.6em; -margin-left: 3.58em; -text-indent: -2em; -} -.epigraph { -font-size: 0.9em; -width: 60%; -margin-left: auto; -} -.epigraph span.bibl { -display: block; -text-align: right; -} -.trailer { -clear: both; -margin-top: 3.6em; -} -span.abbr, abbr { -white-space: nowrap; -} -span.parnum { -font-weight: bold; -} -span.corr, span.gap { -border-bottom: 1px dotted red; -} -span.num, span.trans, span.trans { -border-bottom: 1px dotted gray; -} -span.measure { -border-bottom: 1px dotted green; -} -.ex { -letter-spacing: 0.2em; -} -.sc { -font-variant: small-caps; -} -.asc { -font-variant: small-caps; -text-transform: lowercase; -} -.uc { -text-transform: uppercase; -} -.tt { -font-family: monospace; -} -.underline { -text-decoration: underline; -} -.overline, .overtilde { -text-decoration: overline; -} -.rm { -font-style: normal; -} -.red { -color: red; -} -hr { -clear: both; -border: none; -border-bottom: 1px solid black; -width: 45%; -margin-left: auto; -margin-right: auto; -margin-top: 1em; -text-align: center; -} -hr.dotted { -border-bottom: 2px dotted black; -} -hr.dashed { -border-bottom: 2px dashed black; -} -.aligncenter { -text-align: center; -} -h1, h2, .h1, .h2 { -font-size: 1.44em; -line-height: 1.5; -} -h1.label, h2.label { -font-size: 1.2em; -margin-bottom: 0; -} -h5, h6 { -font-size: 1em; -font-style: italic; -} -p, .par { -text-indent: 0; -} -p.firstlinecaps:first-line, .par.firstlinecaps:first-line { -text-transform: uppercase; -} -.hangq { -text-indent: -0.32em; -} -.hangqq { -text-indent: -0.42em; -} -.hangqqq { -text-indent: -0.84em; -} -p.dropcap:first-letter, .par.dropcap:first-letter { -float: left; -clear: left; -margin: 0 0.05em 0 0; -padding: 0; -line-height: 0.8; -font-size: 420%; -vertical-align: super; -} -blockquote, p.quote, div.blockquote, div.argument, .par.quote { -font-size: 0.9em; -margin: 1.58em 5%; -} -.pageNum a, a.noteRef:hover, a.pseudoNoteRef:hover, a.hidden:hover, a.hidden { -text-decoration: none; -} -.advertisement, .advertisements { -background-color: #FFFEE0; -border: black 1px dotted; -color: #000; -margin: 2em 5%; -padding: 1em; -} -.footnotes .body, .footnotes .div1 { -padding: 0; -} -.fnarrow { -color: #AAAAAA; -font-weight: bold; -text-decoration: none; -} -.fnarrow:hover, .fnreturn:hover { -color: #660000; -} -.fnreturn { -color: #AAAAAA; -font-size: 80%; -font-weight: bold; -text-decoration: none; -vertical-align: 0.25em; -} -a { -text-decoration: none; -} -a:hover { -text-decoration: underline; -background-color: #e9f5ff; -} -a.noteRef, a.pseudoNoteRef { -font-size: 67%; -line-height: 0; -position: relative; -vertical-align: baseline; -top: -0.5em; -text-decoration: none; -margin-left: 0.1em; -} -.displayfootnote { -display: none; -} -div.footnotes { -font-size: 80%; -margin-top: 1em; -padding: 0; -} -hr.fnsep { -margin-left: 0; -margin-right: 0; -text-align: left; -width: 25%; -} -p.footnote, .par.footnote { -margin-bottom: 0.5em; -margin-top: 0.5em; -} -p.footnote .fnlabel, .par.footnote .fnlabel { -float: left; -min-width: 1.0em; -margin-left: -0.1em; -padding-top: 0.9em; -padding-right: 0.4em; -} -.apparatusnote { -text-decoration: none; -} -.apparatusnote:target, .fndiv:target { -background-color: #eaf3ff; -} -table.tocList { -width: 100%; -margin-left: auto; -margin-right: auto; -border-width: 0; -border-collapse: collapse; -} -td.tocPageNum, td.tocDivNum { -text-align: right; -min-width: 10%; -border-width: 0; -white-space: nowrap; -} -td.tocDivNum { -padding-left: 0; -padding-right: 0.5em; -} -td.tocPageNum { -padding-left: 0.5em; -padding-right: 0; -} -td.tocDivTitle { -width: auto; -} -p.tocPart, .par.tocPart { -margin: 1.58em 0; -font-variant: small-caps; -} -p.tocChapter, .par.tocChapter { -margin: 1.58em 0; -} -p.tocSection, .par.tocSection { -margin: 0.7em 5%; -} -table.tocList td { -vertical-align: top; -} -table.tocList td.tocPageNum { -vertical-align: bottom; -} -table.inner { -display: inline-table; -border-collapse: collapse; -width: 100%; -} -td.itemNum { -text-align: right; -min-width: 5%; -padding-right: 0.8em; -} -td.innerContainer { -padding: 0; -margin: 0; -} -.index { -font-size: 80%; -} -.index p { -text-indent: -1em; -margin-left: 1em; -} -.indexToc { -text-align: center; -} -.transcriberNote { -background-color: #DDE; -border: black 1px dotted; -color: #000; -font-family: sans-serif; -font-size: 80%; -margin: 2em 5%; -padding: 1em; -} -.missingTarget { -text-decoration: line-through; -color: red; -} -.correctionTable { -width: 75%; -} -.width20 { -width: 20%; -} -.width40 { -width: 40%; -} -p.smallprint, li.smallprint, .par.smallprint { -color: #666666; -font-size: 80%; -} -span.musictime { -vertical-align: middle; -display: inline-block; -text-align: center; -} -span.musictime, span.musictime span.top, span.musictime span.bottom { -padding: 1px 0.5px; -font-size: xx-small; -font-weight: bold; -line-height: 0.7em; -} -span.musictime span.bottom { -display: block; -} -ul { -list-style-type: none; -} -.splitListTable { -margin-left: 0; -} -.numberedItem { -text-indent: -3em; -margin-left: 3em; -} -.numberedItem .itemNumber { -float: left; -position: relative; -left: -3.5em; -width: 3em; -display: inline-block; -text-align: right; -} -.itemGroupTable { -border-collapse: collapse; -margin-left: 0; -} -.itemGroupTable td { -padding: 0; -margin: 0; -vertical-align: middle; -} -.itemGroupBrace { -padding: 0 0.5em !important; -} -div.figure { -text-align: center; -} -.figure { -margin-left: auto; -margin-right: auto; -} -.floatLeft { -float: left; -margin: 10px 10px 10px 0; -} -.floatRight { -float: right; -margin: 10px 0 10px 10px; -} -p.figureHead, .par.figureHead { -font-size: 100%; -text-align: center; -} -.figAnnotation { -font-size: 80%; -position: relative; -margin: 0 auto; -} -.figTopLeft, .figBottomLeft { -float: left; -} -.figTopRight, .figBottomRight { -float: right; -} -.figure p, .figure .par { -font-size: 80%; -margin-top: 0; -text-align: center; -} -img { -border-width: 0; -} -td.galleryFigure { -text-align: center; -vertical-align: middle; -} -td.galleryCaption { -text-align: center; -vertical-align: top; -} -tr, td, th { -vertical-align: top; -} -tr.bottom, td.bottom, th.bottom { -vertical-align: bottom; -} -td.label, tr.label td { -font-weight: bold; -} -td.unit, tr.unit td { -font-style: italic; -} -td.leftbrace, td.rightbrace { -vertical-align: middle; -} -span.sum { -padding-top: 2px; -border-top: solid black 1px; -} -table.inlinetable { -display: inline-table; -} -table.borderOutside { -border-collapse: collapse; -} -table.borderOutside td { -padding-left: 4px; -padding-right: 4px; -} -table.borderOutside .cellHeadTop, table.borderOutside .cellTop { -border-top: 2px solid black; -} -table.borderOutside .cellHeadBottom { -border-bottom: 1px solid black; -} -table.borderOutside .cellBottom { -border-bottom: 2px solid black; -} -table.borderOutside .cellLeft, table.borderOutside .cellHeadLeft { -border-left: 2px solid black; -} -table.borderOutside .cellRight, table.borderOutside .cellHeadRight { -border-right: 2px solid black; -} -table.verticalBorderInside { -border-collapse: collapse; -} -table.verticalBorderInside td { -padding-left: 4px; -padding-right: 4px; -border-left: 1px solid black; -} -table.verticalBorderInside .cellHeadTop, table.verticalBorderInside .cellTop { -border-top: 2px solid black; -} -table.verticalBorderInside .cellHeadBottom { -border-bottom: 1px solid black; -} -table.verticalBorderInside .cellBottom { -border-bottom: 2px solid black; -} -table.verticalBorderInside .cellLeft, table.verticalBorderInside .cellHeadLeft { -border-left: 0 solid black; -} -table.borderAll { -border-collapse: collapse; -} -table.borderAll td { -padding-left: 4px; -padding-right: 4px; -border: 1px solid black; -} -table.borderAll .cellHeadTop, table.borderAll .cellTop { -border-top: 2px solid black; -} -table.borderAll .cellHeadBottom { -border-bottom: 1px solid black; -} -table.borderAll .cellBottom { -border-bottom: 2px solid black; -} -table.borderAll .cellLeft, table.borderAll .cellHeadLeft { -border-left: 2px solid black; -} -table.borderAll .cellRight, table.borderAll .cellHeadRight { -border-right: 2px solid black; -} -tr.borderTop td, tr.borderTop th, th.borderTop, td.borderTop { -border-top: 1px solid black !important; -} -tr.borderRight td, tr.borderRight th, th.borderRight, td.borderRight { -border-right: 1px solid black !important; -} -tr.borderLeft td, tr.borderLeft th, th.borderLeft, td.borderLeft { -border-left: 1px solid black !important; -} -tr.borderBottom td, tr.borderBottom th, th.borderBottom, td.borderBottom { -border-bottom: 1px solid black !important; -} -tr.borderHorizontal td, tr.borderHorizontal th, th.borderHorizontal, td.borderHorizontal { -border-top: 1px solid black !important; -border-bottom: 1px solid black !important; -} -tr.borderVertical td, tr.borderVertical th, th.borderVertical, td.borderVertical { -border-right: 1px solid black !important; -border-left: 1px solid black !important; -} -tr.borderAll td, tr.borderAll th, th.borderAll, td.borderAll { -border: 1px solid black !important; -} -tr.noBorderTop td, tr.noBorderTop th, th.noBorderTop, td.noBorderTop { -border-top: none !important; -} -tr.noBorderRight td, tr.noBorderRight th, th.noBorderRight, td.noBorderRight { -border-right: none !important; -} -tr.noBorderLeft td, tr.noBorderLeft th, th.noBorderLeft, td.noBorderLeft { -border-left: none !important; -} -tr.noBorderBottom td, tr.noBorderBottom th, th.noBorderBottom, td.noBorderBottom { -border-bottom: none !important; -} -tr.noBorderHorizontal td, tr.noBorderHorizontal th, th.noBorderHorizontal, td.noBorderHorizontal { -border-top: none !important; -border-bottom: none !important; -} -tr.noBorderVertical td, tr.noBorderVertical th, th.noBorderVertical, td.noBorderVertical { -border-right: none !important; -border-left: none !important; -} -tr.borderAll td, tr.borderAll th, th.borderAll, td.noBorderAll { -border: none !important; -} -.cellDoubleUp { -border: 0 solid black !important; -width: 1em; -} -td.alignDecimalIntegerPart { -text-align: right; -border-right: none !important; -padding-right: 0 !important; -margin-right: 0 !important; -} -td.alignDecimalFractionPart { -text-align: left; -border-left: none !important; -padding-left: 0 !important; -margin-left: 0 !important; -} -td.alignDecimalNotNumber { -text-align: center; -} -table.alignedtext, table.alignedverse { -border-collapse: collapse; -} -table.alignedtext td { -vertical-align: top; -width: 50%; -} -table.alignedverse { -vertical-align: top; -} -table.alignedtext td.first, table.alignedverse td.first { -border-width: 0 0.2px 0 0; -border-color: gray; -border-style: solid; -padding-right: 10px; -} -table.alignedtext td.second, table.alignedverse td.second { -padding-left: 10px; -} -table.alignedverse td.first, table.alignedverse td.second { -width: 45%; -} -table.alignedverse td.lineNumbers { -width: 10%; -} -body { -padding: 1.58em 16%; -} -.pageNum { -display: inline; -font-size: 8.4pt; -font-style: normal; -margin: 0; -padding: 0; -position: absolute; -right: 1%; -text-align: right; -letter-spacing: normal; -} -.marginnote { -font-size: 0.8em; -height: 0; -left: 1%; -position: absolute; -text-indent: 0; -width: 14%; -text-align: left; -} -.right-marginnote { -font-size: 0.8em; -height: 0; -right: 3%; -position: absolute; -text-indent: 0; -text-align: right; -width: 11% -} -.cut-in-left-note { -font-size: 0.8em; -left: 1%; -float: left; -text-indent: 0; -width: 14%; -text-align: left; -padding: 0.8em 0.8em 0.8em 0; -} -.cut-in-right-note { -font-size: 0.8em; -left: 1%; -float: right; -text-indent: 0; -width: 14%; -text-align: right; -padding: 0.8em 0 0.8em 0.8em; -} -span.tocPageNum, span.flushright { -position: absolute; -right: 16%; -top: auto; -text-indent: 0; -} -.pglink::after { -content: "\0000A0\01F4D8"; -font-size: 80%; -font-style: normal; -font-weight: normal; -} -.catlink::after { -content: "\0000A0\01F4C7"; -font-size: 80%; -font-style: normal; -font-weight: normal; -} -.exlink::after, .wplink::after, .biblink::after, .qurlink::after, .seclink::after { -content: "\0000A0\002197\00FE0F"; -color: blue; -font-size: 80%; -font-style: normal; -font-weight: normal; -} -.pglink:hover { -background-color: #DCFFDC; -} -.catlink:hover { -background-color: #FFFFDC; -} -.exlink:hover, .wplink:hover, .biblink:hover, .qurlink:hover, .seclin:hover { -background-color: #FFDCDC; -} -body { -background: #FFFFFF; -font-family: serif; -} -body, a.hidden { -color: black; -} -h1, h2, .h1, .h2 { -text-align: center; -font-variant: small-caps; -font-weight: normal; -} -p.byline { -text-align: center; -font-style: italic; -margin-bottom: 2em; -} -.div2 p.byline, .div3 p.byline, .div4 p.byline, .div5 p.byline, .div6 p.byline, .div7 p.byline { -text-align: left; -} -.figureHead, .noteRef, .pseudoNoteRef, .marginnote, .right-marginnote, p.legend, .verseNum { -color: #660000; -} -.rightnote, .pageNum, .lineNum, .pageNum a { -color: #AAAAAA; -} -a.hidden:hover, a.noteRef:hover, a.pseudoNoteRef:hover { -color: red; -} -h1, h2, h3, h4, h5, h6 { -font-weight: normal; -} -table { -margin-left: auto; -margin-right: auto; -} -.tablecaption { -text-align: center; -} -.arab { font-family: Scheherazade, serif; } -.aran { font-family: 'Awami Nastaliq', serif; } -.grek { font-family: 'Charis SIL', serif; } -.hebr { font-family: Shlomo, 'Ezra SIL', serif; } -.syrc { font-family: 'Serto Jerusalem', serif; } -/* CSS rules generated from rendition elements in TEI file */ -.imprint { -color: gray; text-align: center; -} -/* CSS rules generated from @rend attributes in TEI file */ -.xd31e1421 { -text-align:center; vertical-align:middle; font-size:x-large; width:33%; -} -.xd31e1422 { -text-align:center; vertical-align:middle; -} -.cover-imagewidth { -width:561px; -} -.xd31e95 { -font-size:x-large; -} -.xd31e97 { -font-size:small; -} -.xd31e101 { -font-size:xx-large; -} -.indentxd31e530 { -padding-left: 2em; -} -.indentxd31e532 { -padding-left: 8em; -} -.indentxd31e597 { -padding-left: 4em; -} -.xd31e1413 { -text-align:center; font-size:xx-large; -} -.xd31e1418 { -text-align:center; font-size:xx-large; color:#d40000; font-weight:bold; -} -.tbl\.wanted\.header { -width:100%; -} -.xd31e1425 { -font-size:xx-large; -} -.lordlisterwidth { -width:307px; -} -.xd31e1440 { -text-align:center; font-size:xx-large; color:#d40000; -} -.xd31e1442 { -font-size:large; -} -.xd31e1445 { -font-size:large; -} -.xd31e1448 { -text-align:center; -} -.xd31e1450 { -text-align:center; font-size:x-large; -} -.xd31e1454 { -text-align:center; font-size:large; -} -.warrant\.en { -font-size:small; -} -.warrant\.nl { -display:none; font-size:small; -} -.xd31e1682 { -font-size:xx-large; -} -.xd31e1684 { -font-size:medium; -} -@media handheld { -} -/* ]]> */ </style> -</head> -<body> - -<div style='text-align:center; font-size:1.2em; font-weight:bold'>The Project Gutenberg eBook of Lord Lister No. 7: De speelvorst van Monaco, by Kurt Matull</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and -most other parts of the world at no cost and with almost no restrictions -whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms -of the Project Gutenberg License included with this eBook or online -at <a href="https://www.gutenberg.org">www.gutenberg.org</a>. If you -are not located in the United States, you will have to check the laws of the -country where you are located before using this eBook. -</div> - -<p style='display:block; margin-top:1em; margin-bottom:1em; margin-left:2em; text-indent:-2em'>Title: Lord Lister No. 7: De speelvorst van Monaco</p> - -<div style='display:block; margin-top:1em; margin-bottom:1em; margin-left:2em; text-indent:-2em'>Author: Kurt Matull and Theo Blakensee</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'>Release Date: November 21, 2021 [eBook #66784]</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'>Language: Dutch</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'>Character set encoding: UTF-8</div> - -<div style='display:block; margin-left:2em; text-indent:-2em'>Produced by: The Online Distributed Proofreading Team at https://www.pgdp.net/ for Project Gutenberg.</div> - -<div style='margin-top:2em; margin-bottom:4em'>*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 7: DE SPEELVORST VAN MONACO ***</div> -<div class="front"> -<div class="div1 cover"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first"></p> -<div class="figure cover-imagewidth"><img src="images/lordlister0007-front.jpg" alt="Oorspronkelijke voorkant." width="561" height="720"></div><p> -<span class="pageNum" id="pb1">[<a href="#pb1">1</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div class="div1 imprint"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first xd31e95">☞ Elke aflevering bevat een volledig verhaal. ☜ -</p> -<p class="xd31e97">UITGAVE VAN DEN „ROMAN-BOEKHANDEL VOORHEEN A. EICHLER”, SINGEL 236,—AMSTERDAM. -</p> -</div> -</div> -</div> -<div class="body"> -<div id="ch1" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch1.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<div class="figure"><img src="images/p0007-01.png" alt="DE SPEELVORST VAN MONACO." width="720" height="223"></div> -<h2 class="super xd31e101">DE SPEELVORST VAN MONACO.</h2> -<h2 class="label">EERSTE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">EEN OFFER VAN DE SPEELHOLEN.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">„Het is toch een wonderlijk plekje gronds, dat Monte-Carlo en terecht een paradijs,” -sprak Charly Brand tot zijn vriend en gebieder lord Lister, of, zooals hij werd genoemd, -John Raffles. „Het gezicht op de diepblauwe zee met dien eeuwig lachend-blauwen hemel -is gewoon weg verrukkelijk.” -</p> -<p>„Je hebt gelijk, Charly. Het is heerlijk, hier op het terras van het „Café de Paris” -te zitten en onbezorgd zijn sigaret te kunnen rooken.” -</p> -<p>Bij deze woorden blies Raffles een aantal van de mooiste kringetjes de lucht in, die -vervaagden in de ruimte. -</p> -<p>„En toch geldt ook hier het spreekwoord: „men wandelt niet ongestraft onder palmen.” -</p> -<p>„Ik zou niet weten welke schaduwzijde er kleeft aan ons verblijf hier!” antwoordde -de secretaris, terwijl hij zijn meester vragend aankeek. -</p> -<p>„Ons? Hm? <i>Ons</i> bedoelde ik ook niet! Maar denk eens aan al die honderden, die duizenden, die aan -den speel duivel zijn overgeleverd en die geen rust hebben, voordat ze heelemaal geruïneerd -zijn! De gedachte aan die rampzalige slachtoffers is toch wel in staat een druppel -weemoed te werpen in het genot van deze schoone omgeving.” -</p> -<p>„Meen je inderdaad, Edward, dat het zóó erg is?” -</p> -<p>„Helaas, ja!<span class="corr" id="xd31e118" title="Niet in bron">”</span> -</p> -<p>„Er verloopt bijna geen dag zonder dat men hier onder de palmen iemand vindt, die -een eind maakte aan zijn verwoest leven.” -</p> -<p>„Vreeselijk!” -</p> -<p>„Allen verliezen ze hun kapitaal en ze rusten niet, voordat ze hun laatste centime -verspeeld hebben!” -</p> -<p>„Dat is toch hun eigen schuld!” -</p> -<p>„Ja, feitelijk wel! Maar toch zijn ze niet allemaal <span class="pageNum" id="pb2">[<a href="#pb2">2</a>]</span>te veroordeelen. Het spel is een geweldige hartstocht. Slechts weinigen kunnen daaraan -weerstand bieden, als—ze eens het genot gesmaakt hebben.” -</p> -<p>„Dan zal ik maar liever heelemaal niet ermee beginnen,” antwoordde Brand met schuwen -blik naar het Casino, dat, overgoten door zonnegoud, prachtig afstak tegen het azuur -van den hemel en het groen der palmen. -</p> -<p>„Kijk eens hoe ze stroomen naar de speelzaal, alsof ze niet gauw genoeg hun ongeluk -kunnen te gemoet gaan!” -</p> -<p>„Ik heb er altijd het land aan gehad, Charly! Kom laat ons een eindje in het park -gaan wandelen!” -</p> -<p>Raffles betaalde de koffie. -</p> -<p>Daarna stond het tweetal op en verliet het terras met zijn gewemel van menschen. -</p> -<p>De vrienden wandelden naar stille, bekoorlijke plekjes en Charly wilde reeds weer -allerlei uitroepen slaken van bewondering, toen plotseling de hand van den grooten -onbekende zwaar drukte op zijn arm. -</p> -<p>De secretaris keek zijn vriend verbaasd aan. -</p> -<p>Raffles had zijn sigaret uit den mond laten vallen. -</p> -<p>Wat zou er gebeurd zijn? -</p> -<p>Charly zou niet langer in twijfel blijven verkeeren. -</p> -<p>Reeds in het volgende oogenblik snelde lord Lister naar een palmgroep toe. -</p> -<p>Verbaasd keek Brand toe naar wat gebeuren ging. -</p> -<p>Hij zag, dat Raffles zijn zakmes te voorschijn haalde, het opende en vlug als een -kat in den palmboom klom. -</p> -<p>In het volgende oogenblik zag Brand een zwarte schaduw door de lucht glijden. -</p> -<p>Was het een menschelijk lichaam geweest? -</p> -<p>Raffles misschien? -</p> -<p>Neen! -</p> -<p>Deze sprong van den palmboom af en bukte zich ter aarde. -</p> -<p>Brand haastte zich naar de plaats, waar hij den vriend zoo juist had zien verdwijnen -achter een groep aloë’s en <span class="corr" id="xd31e151" title="Bron: kaktissen">kaktussen</span>. -</p> -<p>Wat hij daar zag, was niet in staat hem te kalmeeren. -</p> -<p>Raffles knielde er neer bij het uitgestrekte lichaam van een jongeman, die, naar zijn -uiterlijk te oordeelen, tot den voornamen stand moest behooren. -</p> -<p>Zijn lang, smal gezicht, de vorm van zijn mond en zijn lichtblond haar teekenden duidelijk -den Engelschman. -</p> -<p>Het jonge gelaat toonde echter eenige rimpels, die wezen op zware zorgen. -</p> -<p>Raffles was bezig den jongeman, die nog niet dood was, in het leven terug te roepen. -</p> -<p>Hij had een fleschje te voorschijn gehaald en voorhoofd en slapen van den vreemdeling -met den inhoud ervan ingewreven. -</p> -<p>Daarna bewerkte hij de borst van den ongelukkige. -</p> -<p>„Leeft hij nog?” vroeg Brand. -</p> -<p>„Ik hoop het! Zijn lichaam is nog warm. Help mij, Charly, hier, wrijf zijn zijden! -Het hart moet weer gaan werken!” -</p> -<p>Charly Brand was verbluft. -</p> -<p>Maar hij poogde zich zoodra mogelijk weer te herstellen en hij knielde neer bij den -ongelukkige, om zoodra mogelijk hulp te verleenen. -</p> -<p>„Ik hoop hem nog in het leven te behouden; de arme kerel!” sprak lord Lister. -</p> -<p>„Zou het ook alweer een slachtoffer zijn van daarginds, Edward?” -</p> -<p>„Natuurlijk! En het zal ook niet het laatste offer zijn. Kijk eens! Zijn borst begint -waarachtig weer op en neer te gaan! Masseer hem flink, vooral in de hartstreek, maar -voorzichtig, niet drukken!” -</p> -<p>Charly deed, wat hem gevraagd was en werkte, alsof hij zijn heele leven masseur was -geweest. -</p> -<p>Raffles boog het hoofd over het uitgestrekte lichaam. -</p> -<p>Aandachtig luisterde hij. -</p> -<p>„Hij leeft!” riep hij toen uit met verheugd gelaat, „hij leeft, Charly, ga door met -je werk! Wij moeten dien ongelukkigen kerel weer in het leven terugroepen! <span class="pageNum" id="pb3">[<a href="#pb3">3</a>]</span>Hem redden van den dood, die zijn dorre, knokige vingers reeds naar hem had uitgestrekt.” -</p> -<p>Lord Lister goot nu een paar druppels Eau de Cologne in den mond van den jongeman, -die nog altijd bewusteloos lag uitgestrekt. -</p> -<p>Nog eens wreef hij hem voorhoofd en slapen en zag toen met schitterende oogen, dat -de kleur terugkeerde op de wangen van den ongelukkige. -</p> -<p>„Kijk, Charly, kijk! Hij krijgt een kleur!” -</p> -<p>Raffles hielp nu mee masseeren en al spoedig smaakte het tweetal de voldoening, dat -de bewustelooze een diepen zucht slaakte. -</p> -<p>Zijn borst begon te beven en plotseling sloeg hij de oogen op. -</p> -<p>Het waren twee blauwe oogen met een uitdrukking vol droefheid. -</p> -<p>Verwonderd keken ze de redders aan. -</p> -<p>„Waar ben ik?” fluisterde de vreemde in het Engelsch. -</p> -<p>„Onder vrienden,” antwoordde Raffles in dezelfde taal. -</p> -<p>De ander zweeg. -</p> -<p>Toen, plotseling, werd hij zich van zijn toestand bewust en hij herinnerde zich wat -hem in den dood had gedreven. -</p> -<p>Hij wierp zich met het gelaat ter aarde en brak los in krampachtig snikken. -</p> -<p>„Waarom hebt ge mij niet laten sterven?” riep hij uit in woeste smart. -</p> -<p>„Wat moet ik nog op de wereld doen? Ik ben geruïneerd! Laat mij! Laat mij sterven!” -</p> -<p>Charly wilde den ongelukkige overeind helpen. -</p> -<p>John Raffles echter wenkte hem dit niet te doen. -</p> -<p>„Laat hem liggen,” fluisterde hij, „zijn smart moet uitwoeden en eerst als deze heeft -uitgeraasd, zullen wij eens verstandig met den jongeling spreken. Doe nu niets, dat -hem zou kunnen vertoornen!” -</p> -<p>Bedaard ging lord Lister naast den ongelukkige in het gras zitten. -</p> -<p>Charly Brand schudde het hoofd. -</p> -<p>Hij kon die bedaardheid van zijn vriend en meester niet goed begrijpen. -</p> -<p>De ongelukkige Engelschman snikte nog steeds voort met krampachtige schokken en een -paar keer wilde hij opspringen om opnieuw zelfmoord te plegen. -</p> -<p>Maar Raffles drukte hem dan telkens weer met zacht geweld omlaag en legde zijn koele -hand op het brandende voorhoofd van den ongelukkige. -</p> -<p>Eindelijk werd deze wat kalmer. -</p> -<p>Een verlichtende tranenstroom vloeide hem over de wangen en hij werd zoo zacht en -leidzaam als een kind. -</p> -<p>Dat was juist de stemming, die de groote onbekende had willen afwachten. -</p> -<p>Nu kon hij praten met den ongelukkige, wiens lichamelijke redding hem tenminste reeds -gelukt was. -<span class="pageNum" id="pb4">[<a href="#pb4">4</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch2" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch2.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">TWEEDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">VAN DEN DOOD GERED.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Lord Lister gaf zijn vriend een wenk met de oogen en deze ging aan den anderen kant -staan van den ongelukkigen jongeman. -</p> -<p>Daarna tilden zij hem op en gingen met hem weg. -</p> -<p>De eerste schreden van den jeugdigen zelfmoordenaar waren nog wankel en onzeker. -</p> -<p>Maar geleid door zijn beide vrienden wist hij spoedig zich weer te herstellen. -</p> -<p>„Kom mee,” sprak Raffles op vriendelijken, zachten toon, „wij zullen met de tandradbaan -naar boven rijden, daar hebben we een heerlijk uitzicht over de zee.” -</p> -<p>Charly brandde van nieuwsgierigheid om iets naders te vernemen. -</p> -<p>Hij kon zijn ongeduld nauwelijks bedwingen en vond, dat zijn meester wel een beetje -al te veel notitie nam van den jongeman. -</p> -<p>Het was immers niets bijzonders, dat in het park te Monte Carlo iemand zich doodschoot -of ophing. Zoo iets kwam bijna elken dag voor, maar men sprak er niet van. -</p> -<p>„Wie zijt gij eigenlijk, heeren?” vroeg de jonge Engelschman eindelijk, „ge stelt -zooveel belang in mij, die u volkomen vreemd is.” -</p> -<p>„Gij zijt een ongelukkig slachtoffer van het speelhol daar beneden”, antwoordde lord -Lister, „dat is al voldoende om sympathie voor u te gevoelen. Maar gij zijt buitendien -Engelschman evenals wij en nog zoo jong, dat ge onmogelijk met het leven nu reeds -kunt hebben afgerekend. Sta mij toe, dat ik ons aan u voorstel. Ik ben lord Lister, -deze heer, mijn vriend en secretaris, heet Charly Brand. Wij zijn beiden Londenaars.” -</p> -<p>„Londenaars? Maar dat is prettig, dat is heerlijk! Dan zal u ook zeker mijn naam niet -onbekend zijn, ik ben de jonge lord Montefiore.” -</p> -<p>„Wel, dan behoort ge tot de rijkste Engelsche families!” zei Raffles. -</p> -<p>„Ik heb er toe behoord,” sprak lord Montefiore met diepen zucht. „Nog slechts enkele -maanden geleden—mijn vader was gestorven,—kon ik, zijn universeel erfgenaam, een vermogen -van achttien millioen het mijne noemen. Nu ben ik een bedelaar.” -</p> -<p>„En heeft die hel daar beneden alles opgeslokt?” vroeg Raffles. -</p> -<p>„Niet alles! Het grootste deel ervan heeft een vorst gewonnen, dien ik in het Casino -leerde kennen. Hij heeft zeker tien millioen van mij gewonnen.” -</p> -<p>„Tien millioen? Bij het spel?” -</p> -<p>De jonge lord keek nadenkend vóór zich. -</p> -<p>„Tien millioen!” mompelde hij op doffen toon. -</p> -<p>„In hoeveel tijd is dat gebeurd?” -</p> -<p>„Ongeveer twee maanden.” -</p> -<p>„Niet langer?” -</p> -<p>„Neen!” -</p> -<p>„Luister eens, lord Montefiore, dat kan geen eerlijk <span class="pageNum" id="pb5">[<a href="#pb5">5</a>]</span>spel geweest zijn! Ik vermoed nu reeds, zonder iets naders te weten, dat die zoogenaamde -vorst niets anders is dan een bedrieger, een oplichter, die er zijn werk van maakt -om groentjes—excuseer deze uitdrukking, lord—het vel over de ooren te halen.” -</p> -<p>De Engelschman schudde het hoofd. -</p> -<p>„Ge vergist u toch, lord Lister! Vorst Alex Grigoriew is een man van eer, van top -tot teen. Hij heeft mij verscheiden keeren zijn hulp aangeboden. Ik sta zelfs nu nog -bij hem in het krijt—dat is dan ook de voornaamste reden, dat ik— —” -</p> -<p>„Hij won tien millioen van u en gaf u toen nog geld om verder te spelen?” -</p> -<p>„Is dat waar?” -</p> -<p>„Volkomen waar, lord Lister!” -</p> -<p>„Zoo, zoo!” -</p> -<p>„Ge ziet dus, dat ge u vergist, ge doet den vorst onrecht,” verdedigde Montefiore. -„Hij is een man van eer, al zal ik niet ontkennen, dat de speelduivel hem heeft aangegrepen. -Maar daarvan mag ik hem geen verwijt maken, die zelf het geheele vaderlijke erfdeel -heb verspeeld.” -</p> -<p>„Ik zie, dat gij een onervaren jong mensch zijt, dat in de handen van een oplichter -is gevallen. Gij verdient medelijden en geen verwijten!” -</p> -<p>„Ge grieft mij, lord Lister! Vorst Grigoriew heeft zich als een vriend betoond.” -</p> -<p>„In welk hotel logeert die „vorst”? Ik zou graag kennis met hem willen maken.” -</p> -<p>„Alex Grigoriew woont niet in Monte-Carlo. Hij heeft een villa in Cannes, waar hij -op grooten voet leeft!” -</p> -<p>Tot nog toe had lord Montefiore kalm naast de beide vrienden gezeten. -</p> -<p>Nu, plotseling, sprong hij op in zenuwachtige haast en ijlde naar den kant van het -terras. -</p> -<p>Het was duidelijk, dat hij opnieuw een poging tot zelfmoord wilde doen, door in de -diepte zich neer te storten en te pletter te vallen. -</p> -<p>Maar Raffles was in twee sprongen naast hem en hield hem zoo stevig vast, dat er aan -ontkomen geen denken was. -</p> -<p>„Geen dwaze dingen, jongmensch,” sprak hij op een toon van het strengste verwijt, -„zoo lichtvaardig springt men niet om met het leven. Kijk eens naar de blauwe zee, -de wuivende palmen en heel de lachende wereld. Men pleegt geen zelfmoord om ingebeelde -eereschulden!” -</p> -<p>Plotseling rolden den jongeman een paar heete tranen langs de jeugdig-frissche, ietwat -bleeke wangen. -</p> -<p>Toen keek hij Raffles in het gelaat. -</p> -<p>„Ik stel vertrouwen in u, lord Lister, die zulk een buitengewone belangstelling voor -mij aan den dag legt. Maar zeg nu zelf eens: hoe moet ik een leven, dat met schande -overladen is, verder leiden? Ik heb den vorst mijn eerewoord gegeven en ik ben niet -in staat het af te lossen. Ik ben geruïneerd, ik bezit niets meer.” -</p> -<p>„En welk bedrag zijt ge dien „vorst” nog schuldig?” -</p> -<p>„Achthonderdduizend francs.” -</p> -<p>„Dat is inderdaad een aardig sommetje. Tot wanneer hebt ge tijd met de betaling?” -</p> -<p>„Tot overmorgen.” -</p> -<p>„Hoe laat?” -</p> -<p>„’s Avonds zes uur.” -</p> -<p>„Mooi, tot overmorgenavond zes uur. Wilt ge mij uw eerewoord geven, dat ge tot zoolang -de hand niet aan u zelf zult slaan?” -</p> -<p>„Wat wilt ge doen?” -</p> -<p>„Ik wil trachten een schurk te ontmaskeren en u te redden.” -</p> -<p>„Dat zal u geen van beiden gelukken, lord Lister!” -</p> -<p>„Afwachten! Ik verlang van u alleen, dat ge vóór overmorgenavond zes uur geen poging -tot zelfmoord meer zult doen!” -</p> -<p>Lord Montefiore antwoordde niet dadelijk. -</p> -<p>Somber, in gepeins verzonken, keek hij voor zich. -</p> -<p>Over het gelaat van Raffles vloog een eigenaardig glimlachje. -<span class="pageNum" id="pb6">[<a href="#pb6">6</a>]</span></p> -<p>„Pardon,” sprak hij met welluidende stem, „ik vergat, dat ge alles verloren hebt, -mag ik u met het nietige sommetje van 500 francs uit de verlegenheid helpen?” -</p> -<p>Hij bood den jongeman op bescheiden wijze eenige bankbiljetten, die deze niet wilde -aannemen. -</p> -<p>„Geen valsche schaamte, lord Montefiore! Binnen een paar dagen zult ge de gelegenheid -hebben, mij dat sommetje terug te betalen, als namelijk, waaraan ik geen oogenblik -twijfel, vorst Grigoriew door mij als een aartsschurk wordt ontmaskerd.” -</p> -<p>Lord Montefiore bleef niets anders over dan de bankbiljetten bij zich te steken en -den vriendelijken helper warm de hand te drukken. -</p> -<p>„Tot uw dienst, lord! Maar vertel mij nu eerst eens uw lijdensgeschiedenis, opdat -ik een juist inzicht in de zaak krijg. Vertel mij alles, wat ik moet weten!” -</p> -</div> -</div> -<div id="ch3" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch3.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">DERDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">DE LIJDENSGESCHIEDENIS VAN EEN ZELFMOORDENAAR.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">„Dat is in weinige woorden verteld,” verklaarde lord Montefiore, nadat hij korten -tijd voor zich had uitgestaard. -</p> -<p>„Het was mijn ongeluk, dat ik te vroeg kwam in het bezit van een groot vermogen. Mijn -moeder was gestorven en korten tijd daarna verwisselde mijn vader het tijdelijke met -het eeuwige. -</p> -<p>„Ik was zielsbedroefd door dit dubbele verlies en geloofde niet, het te kunnen dragen. -</p> -<p>„Destijds liep ik reeds rond met plannen tot zelfmoord. -</p> -<p>„Het scheen mij onmogelijk om verder te leven in het kasteel, waar wij samen zoo gelukkig -waren geweest en met beide handen nam ik het voorstel van een neef van mij aan om -de uitgestrekte bezittingen aan hem te verkoopen. -</p> -<p>„Om mijn verdriet over het verlies van mijn geliefde ouders een weinig te vergeten, -besloot ik op reis te gaan. Ik ging naar Parijs en vandaar naar de Riviera. Hier leerde -ik vorst Grigoriew te Nizza kennen in den <i lang="fr">Cercle des Etrangers</i>!” -</p> -<p>„Dat is een van de meest beruchte speelclubs,” wendde Raffles zich tot Brand. „Zijn -leden behooren gedeeltelijk tot de voornaamste kringen, maar voor een nog grooter -gedeelte bestaan zij uit oplichters of schipbreukelingen der maatschappij, die zich -door het spel boven water houden!” -</p> -<p>Charly Brand knikte. -</p> -<p>Thans ging lord Montefiore verder: -</p> -<p>„Vorst Grigoriew toonde zich in elk opzicht als een man van eer en ik sloot mij gaarne -bij hem aan. -</p> -<p>„Al spoedig waren wij heel bevriend met elkander, maar ik had verbazend pech, want -nadat ik de eerste twee weken bijzonder gelukkig was geweest in het spel, keerde de -fortuin mij plotseling den rug toe en verloor ik fabelachtige sommen. -<span class="pageNum" id="pb7">[<a href="#pb7">7</a>]</span></p> -<p>„De vorst kwam mij toen te hulp. Hij had een speelsysteem uitgevonden, waarbij men -op den duur <i>moet</i> winnen. -</p> -<p>„Ieder weet, dat men zoo’n systeem niet laat varen, zonder er een enorme vergoeding -voor te hebben verkregen, maar vorst Grigoriew stond het mij geheel belangeloos af. -Gij zult toch moeten toestemmen, lord Lister, dat dit een oprecht bewijs van vriendschap -was!” -</p> -<p>Raffles lachte luid. -</p> -<p>„Vergeef mij, mylord! Ge hebt immers zelf beweerd, dat ge op te jeugdigen leeftijd -in de groote wereld kwaamt en dat is volkomen waar. Uw onervarenheid, vooral in het -kennen van menschelijke karakters, is grenzeloos. Zoo ik nog een oogenblik moest hebben -geaarzeld of de vorst een oplichter is, dan ben ik er zeker van, dat hij een valsch -speler is!” -</p> -<p>„Gij doet hem waarlijk onrecht, lord Lister!” -</p> -<p>„Vertel mij eens, lord Montefiore, hebt gij met dat systeem wat gewonnen?” -</p> -<p>„In den beginne verkreeg ik schitterende resultaten!” -</p> -<p>„En later?” -</p> -<p>„Later?—Later heb ik alles weer verloren, alles—alles—.” -</p> -<p>„Dat hebt ge! De schitterende winst van de eerste dagen was niets dan lokkebrood om -u, onervarene, op een dwaalspoor te brengen!” -</p> -<p>„Neen, lord Lister. Vorst Alex is onschuldig, hij heeft me zelfs gewaarschuwd om niet -te veel te wagen! -</p> -<p>„Ik echter, ik was door den speelduivel zóó bezeten, dat ik al zijn goede raadgevingen -in den wind sloeg. De straf volgde dan ook al spoedig op de daad en ik verloor op -één enkelen middag anderhalf millioen francs!” -</p> -<p>„Aan den vorst?” -</p> -<p>„Neen, aan de Bank!” -</p> -<p>„En wie hield de Bank?” -</p> -<p>„Een Italiaansch markies, een man van eer, in alle opzichten!” -</p> -<p>Wederom lachte Raffles luid. -</p> -<p>„Een Rus en een Italiaan! Geboren spelers! Gij zijt wel aan de juiste adressen gekomen, -lord Montefiore!” -</p> -<p>„Gij schijnt te denken, dat de beide heeren samenwerkten, om—om—hoe zal ik het zeggen?” -</p> -<p>„Om u uit te plunderen,” viel John Raffles in, „daarvan ben ik overtuigd!” -</p> -<p>„Ge vergist u wederom. De vorst en de markies hebben geen woord met elkander gewisseld -dan buiten het spel noodzakelijk was! -</p> -<p>„Op zekeren dag zelfs kregen de heeren hevigen woordentwist met elkander en als ik -niet tusschenbeide was gekomen, waren zij zeker handgemeen geworden.” -</p> -<p>„Ha, ha, ha,” lachte Raffles, „wat heeft men u een aardige komedie voorgespeeld; juist -iets voor die valsche spelers en hun troep!” -</p> -<p>„Valsche spelers? Een troep? Hebt ge met die beleedigende woorden den vorst misschien -op het oog?” -</p> -<p>„Zeker, want in ieder geval is <i>hij</i> de hoofdaanvoerder van het komplot geweest. Hebt ge niet verteld, dat ge aan hem -zelf groote sommen hebt verloren?” -</p> -<p>„Ja, maar dat heeft hier niets mee te maken!” -</p> -<p>„Waarom niet?” -</p> -<p>„Omdat dit een persoonlijke zaak was, geheel afgescheiden van de club.” -</p> -<p>„Geloof mij toch, mylord! De heele geschiedenis was van te voren opgezet om u te plunderen, -totdat er geen veer meer overbleef. En wilt gij mij nu misschien ook vertellen, hoeveel -gij aan dien zoogenaamden vorst hebt verloren?” -</p> -<p>Lord Montefiore keek Raffles plotseling met vlammenden blik in het gelaat. -</p> -<p>„<i>Als</i> het inderdaad zoo is, als gij beweert, lord Lister, dan kent hun schurkerij ook geen -grenzen! Maar neen—neen—neen—het <i>kan</i> niet waar zijn. Zooveel slechtheid kan niet bestaan!” -</p> -<p>De jonge lord rilde. -</p> -<p>Toen sprak hij, als tot zich zelf: -</p> -<p>„Ik heb veel verloren in het spel; ik heb mijn baar geld verloren en de chèques, die -ik had afgegeven, bedroegen één millioen zes maal honderd duizend francs. -</p> -<p>„Ik zat als gebroken op de sofa, toen kwam de vorst naar mij toe en legde mij de hand -op den schouder. Die hand schitterde van diamanten, want Grigoriew <span class="pageNum" id="pb8">[<a href="#pb8">8</a>]</span>houdt er van, diamanten te dragen, hij draagt eigenlijk veel te veel! Dat is het eenige, -wat mij onaangenaam in hem aandeed. -</p> -<p>„Ik houd er niet van, te pronken met bezittingen!” -</p> -<p>„Ge zegt, dat hij opvallend veel brillanten draagt?” viel Raffles op opgewonden toon -in de rede. -</p> -<p>„Ja. Hij heeft onder anderen een doekspeld, die een grooten gouden N voorstelt. Ook -deze is van onder tot boven met brillanten bezet. Het is een geschenk van den Keizer -van Rusland.” -</p> -<p>„Een N van goud en brillanten?” vroeg Raffles. „Hoe ziet die vorst er uit, welke kleur -hebben zijn oogen?” -</p> -<p>„Hij is slank; middelmatig van grootte, een beetje grooter dan ik. Zijn oogen zijn -fletsblauw. Die kleur viel mij op, omdat de Russen over het algemeen donkere oogen -hebben!” -</p> -<p>Het schitterde in de oogen van lord Lister. Doorzag hij de zaak reeds? Het kwam Charly -voor, dat dit inderdaad het geval was. -</p> -<p>„Vertel verder,” drong Raffles aan. -</p> -<p>„De vorst trachtte mij te troosten. „Het spijt mij voor u”, sprak hij met weeke stem, -„ga met mij mee, de buitenlucht zal u goed doen. Ik hoop, dat ge de cheques spoedig -zult kunnen betalen en ik ben gaarne bereid u een belangrijke geldsom te leenen!” -</p> -<p>„Die vervloekte schurk,” siste Raffles. -</p> -<p>„Waarom <span class="corr" id="xd31e368" title="Bron: schelt">scheldt</span> ge hem uit?” vroeg Montefiore, „het was toch een vriendschapsdienst, dat hij mij -zijn geld aanbood!” -</p> -<p>„De bedrieger heeft u alleen dat geld aangeboden om van u te hooren, of ge zelf nog -geld genoeg bezat<span class="corr" id="xd31e373" title="Niet in bron"> om</span> die schuldbekentenissen te kunnen betalen!” -</p> -<p>„Dat is inderdaad het geval, lord Lister. Wij reden samen naar Cannes en de frissche -zeewind knapte mij weder geheel en al op. Alex behandelde mij als een bezorgde moeder. -Hij liet de heerlijkste koffie voor mij zetten, hij bood mij de beste sigaren en om -mijn opgewonden zenuwen wat te kalmeeren, werd er niet meer over het spel gesproken!” -</p> -<p>„Hoeveel hadt ge toen reeds verloren, mylord?” -</p> -<p>„Ongeveer de helft van mijn geheel vermogen.” -</p> -<p>„En dat hebt ge den vorst zeker verteld?” vroeg Raffles niet zonder spot. -</p> -<p>„Ik had geen reden om het hem te verzwijgen!” -</p> -<p>„En toen begon het spel natuurlijk weer van voren af aan?” vroeg Raffles weer, op -denzelfden spottenden toon. -</p> -<p>„Ja juist! Ik weet eigenlijk niet hoe het zoo kwam. Hij schold op de club en stelde -voor, dat ik met hem samen zou spelen!” -</p> -<p>„Natuurlijk, maar toen vielt ge in de handen van een nog veel grooter bedrieger. Hoeveel -hebt ge in de villa van den vorst nog verloren?” -</p> -<p>„Heelemaal niets. Ik won dertig duizend francs!” -</p> -<p>„Zoo’n aartsschurk. Hij wist het wel zoover te brengen, dat ge naar huis gingt in -de hoop, dat de grillige fortuin u haar lachend gelaat weer zou toewenden!” -</p> -<p>„Ge hebt met wonderlijke juistheid mijn gedachten geraden, mylord.” -</p> -<p>„Omdat ik het geheele bedrog volkomen doorzie. Ik zal u wel vertellen, hoe het verder -gegaan is<span class="corr" id="xd31e389" title="Bron: :">.”</span> -</p> -<p>„Gij? Mij? Wilt ge mij m’n eigen geschiedenis vertellen?” -</p> -<p>„Ja, ik heb ze honderd keer bijgewoond. -</p> -<p>„Ge wordt dikke maatjes met den „vorst”, en hij nam u langzamerhand al uw geld af -tot op een beetje na.” -</p> -<p>„Maar hoe weet ge dat? Het is inderdaad zóó gegaan!” -</p> -<p>„Men moet den speler niet heelemaal tot wanhoop brengen, maar hem nog een klein gaatje -openlaten om uitkomst te zoeken. Maar gij zijt niet weggegaan. Ge hebt op het altaar -van Monte-Carlo geofferd, wat u de Club te Nizza en de „edele vorst” nog hadden gelaten.” -</p> -<p>„Precies! Het komt allemaal precies uit, zooals ge vertelt. Ik heb enorme sommen aan -hem verloren en hij heeft nog een schuldbekentenis van mij in handen. Maar hij heeft -geen schuld! Die ligt bij mij! Ik heb mij overgegeven aan den speelduivel en die heeft -mij ten gronde gericht. Wat heb ik nu nog langer aan mijn <span class="pageNum" id="pb9">[<a href="#pb9">9</a>]</span>leven? Ik ben vernietigd in den bloei van mijn jeugd.” -</p> -<p>De jonge lord snikte als een kind. -</p> -<p>Raffles troostte hem. -</p> -<p>„Blijf kalm. -</p> -<p>„Ik denk u een gedeelte terug te bezorgen van wat gij verloren hebt en verder hebt -ge mij uw eerewoord gegeven, dat ge vóór overmorgenavond zes uur niets tegen u zelf -zoudt doen.” -</p> -<p>„Wat moet ik nu doen?” vroeg Montefiore op gebroken toon. -</p> -<p>„Verlaat Monte Carlo en ga naar Nizza. In welk hotel gaat ge logeeren?” -</p> -<p>Montefiore noemde het hotel d’Angleterre. -</p> -<p>„Goed! Overmorgen vroeg hebt ge uw schuldbekentenis in handen. Het terugwinnen van -uw vermogen zal wel een paar dagen langer duren. Vaarwel.” -</p> -<p>De jonge lord wilde zijn wonderbaarlijken redder op onstuimige manier danken. -</p> -<p>Maar deze nam beleefd zijn hoed af, trok Brand met zich mee en wandelde den steilen -weg langs, die van La Turbie voert naar Monte Carlo. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch4" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch4.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">VIERDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">VORST OF OPLICHTER?</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Dien avond brachten Raffles en Brand in hun hotel door; zij pakten hun effecten en -koffers om den volgenden morgen naar Cannes te vertrekken, een havenplaatsje in de -buurt van Nizza, dat zich in den loop der jaren heeft ontwikkeld tot een badplaats -van den eersten rang aan de Riviera. -</p> -<p>Rijkaards van alle nationaliteiten hebben hier hunne villa’s, die zijn ingericht met -verfijnde weelde en wier tuinen, waarin een tropische plantengroei zich heeft ontwikkeld, -het heerlijkste uitzicht bieden op de eeuwig blauwe, eeuwig schoone Middellandsche -Zee. -</p> -<p>Maar ook heel wat geruïneerde personen, die alles hebben geofferd aan den speelduivel -te Monte Carlo, hebben zich hier gevestigd; lieden die thans leven van valsch spel -en bedrog; heeren, die zich voordoen als edellieden, die den titel aannemen van vorst, -markies, baron, of graaf, en die achter het masker van den aristocraat hun slag slaan -en op hun beurt vele slachtoffers maken. -</p> -<p>Na het diner zat Raffles met Brand op het terras van het hotel, terwijl hij blauwe -rookwolkjes in de lucht blies. -</p> -<p>„Heb je eenig vermoeden, Charly, wie die zoogenaamde vorst Alex Grigoriew is?” -</p> -<p>„Hoe zou ik dat weten!” antwoordde de secretaris op verbaasden toon, „ik heb dien -man nooit gezien en in mijn heele leven nog nooit een Russischen vorst ontmoet!” -</p> -<p>Raffles lachte luidkeels. -</p> -<p>Toen boog hij zich voorover en fluisterde: -</p> -<p>„Die Alex Grigoriew is net zoo min een vorst als jij en ik!” -</p> -<p>Brand keek verbaasd en lord Edward had schik over <span class="pageNum" id="pb10">[<a href="#pb10">10</a>]</span>de verwonderde gelaatsuitdrukking van zijn vriend. -</p> -<p>Hij vervolgde: -</p> -<p>„Alex Grigoriew heet net zoo min Alex Grigoriew als hij een Rus is.” -</p> -<p>„Weet je dat zeker?” -</p> -<p>„Ik wil om alles wedden.” -</p> -<p>„Maar je kent hem niet, je hebt hem nooit gezien, je hebt zelfs geen nauwkeurige beschrijving -van hem!” -</p> -<p>„Dat heb ik ook allemaal niet noodig,” sprak de Groote Onbekende op koelbloedigen -toon. „Wat de jonge lord ons van hem verteld heeft, is voldoende om hem te herkennen!” -</p> -<p>„Maar hij heeft ons niets zekers van hem verteld, niets dan vage aanduidingen!” -</p> -<p>„Die echter voldoende zijn om zijn persoonlijkheid vast te stellen!” -</p> -<p>„En wie is dan die geheimzinnige vorst Alex Grigoriew?” -</p> -<p>„Een landsman van ons.” -</p> -<p>„Geen Rus?” -</p> -<p>„Neen, een Engelschman, een echte Londenaar!” -</p> -<p>„Wat je zegt! Maar dat is niet mogelijk!” -</p> -<p>„Het is niet alleen mogelijk, maar het is een feit! De man staat ons heel na!” -</p> -<p>„Hoezoo?” -</p> -<p>„Omdat hij een collega van ons is!” -</p> -<p>„Een collega? Zijn wij misschien valsche spelers en oplichters?” -</p> -<p>„Valsche spelers zijn wij in geen geval. Maar de man is ook inbreker en dief.” -</p> -<p>„Vorst Grigoriew?” -</p> -<p>„Ik heb je toch gezegd dat hij geen vorst is en geen Grigoriew heet”. -</p> -<p>„Maar alle duivels, wat is hij dan, vertel op als je zijn naam kent; ik brand van -nieuwsgierigheid!” -</p> -<p>„Dat moet je je afwennen, Charly! Je bent in de laatste tijden echt zenuwachtig geworden -en dat is niet goed voor iemand, die mijn vriend en secretaris is. Kalmte en koelbloedigheid -zijn eerste vereischten in ons vak en je komt niet heel ver met zoo’n kwikzilveren -natuur als jij hebt!” -</p> -<p>Brand, nog onrustiger geworden door deze woorden, wou opstuiven maar hij bedwong zich -nog ter juister tijd. -</p> -<p>Hij slikte een heele boel nieuwsgierige en opgewonden woorden naar binnen en trok -zoo’n onnoozel gezicht, alsof de meest brandende vragen zijn gemoed niet beroerden. -</p> -<p>Zou die zoogenaamde Alex Grigoriew zulk een geraffineerde schurk zijn als Raffles -hem voorstelde? -</p> -<p>Lord Lister zat nog steeds kringetjes in de lucht te blazen en deed, alsof hij niet -de minste notitie nam van zijn vriend Brand. -</p> -<p>Maar intusschen had hij dezen met scherpen blik gadegeslagen en hij was volkomen op -de hoogte van diens gedachten en gevoelens. -</p> -<p>„Nu ben ik tevreden, Charly”, sprak hij glimlachend. „Als het er werkelijk op aan -komt dan kan je, zoo als ik zie, je nieuwsgierigheid goed bedwingen. -</p> -<p>„Dat moet beloond worden en ik zal je vertellen wie die Grigoriew is. -</p> -<p>„Deze zoogenaamde Russische vorst is inderdaad niemand anders dan de Londensche dief, -wisselvervalscher, inbreker en moordenaar Willy Warren, die, om zijn bekende voorliefde -voor diamanten gewoonweg „Diamanten-Bill<span class="corr" id="xd31e463" title="Niet in bron">”</span> wordt genoemd.” -</p> -<p>„Diamanten-Bill?” stotterde Brand verbaasd. -</p> -<p>„Niemand anders”, antwoordde Raffles, terwijl hij de asch van zijn sigaret klopte. -</p> -<p>„Dat is onmogelijk!” stiet Brand uit. -</p> -<p>„Waarom?” -</p> -<p>„Omdat hij indertijd, toen hij door de Londensche politie op zijn vlucht van Dover -naar Calais zou worden gearresteerd, in het Kanaal over boord sprong en verdronk.” -</p> -<p>„En hebt gij dat kindersprookje geloofd?” -</p> -<p>„Iedereen heeft het geloofd. Scotland Yard heeft het destijds overal genoeg rond gebazuind.” -</p> -<p>Raffles glimlachte. -</p> -<p>„Scotland Yard,” sprak hij op ironischen toon. „De <span class="pageNum" id="pb11">[<a href="#pb11">11</a>]</span>Engelsche politie had er wel redenen voor, om dat praatje de wereld in te strooien, -toen de handige kerel haar onder de handen wegglipte.” -</p> -<p>„Je gelooft dus niet, dat hij verdronken is?” -</p> -<p>„Neen Charly. De slimme vos heeft de beambten van Scotland Yard allemaal om den tuin -<span class="corr" id="xd31e481" title="Bron: geluid">geleid</span> en ze zijn er leelijk ingevlogen!” -</p> -<p>„Ik begrijp je niet.” -</p> -<p>„Wel, „Diamanten-Bill” heeft eenvoudig een aardappelzak in zee gegooid, dien men op -het dek zwaar hoorde neerplompen. Hij zelf is, zonder dat hij een enkelen droppel -water had binnengekregen, naar het ruim geklauterd en daar heeft hij zich in een oude -kist zoolang verborgen, totdat de lucht zuiver was. In Calais is hij doodkalm aan -land gegaan, stoomde naar Parijs en Monte-Carlo en nam hier zijn intrek als Russisch -grootvorst. Hij zal uit Londen wel genoeg diamanten hebben meegebracht om hier den -noodigen eerbied in te boezemen!” -</p> -<p>„Als Bill Warren alles zoo heeft uitgevoerd, als jij beweert, Edward, dan moet hij -wel een geniale kerel in zijn vak zijn,” antwoordde de secretaris vol bewondering. -</p> -<p>„Hm! Ik heb zijn verdiensten nooit onderschat. „Diamanten-Bill” is altijd de eenige -geweest, met wien ik mijn krachten gaarne eens zou hebben gemeten en ik verheug mij -er over, dat die gelegenheid zich nu voordoet!” -</p> -<p>„Je zult hem licht de baas worden, daar ben ik van overtuigd,” antwoordde Brand in -oprechte bewondering voor zijn vriend. „Maar toch spijt het mij, dat je je met dezen -inbreker op denzelfden voet plaatst!” -</p> -<p>„Hoedat?” -</p> -<p>„Wel, omdat „Diamanten-Bill” niets anders is dan een gemeene dief.” -</p> -<p>„En wat ben ik dan?” -</p> -<p>„Jij bent een misdadiger uit eerzucht, om je kracht, je behendigheid en je moed te -toonen. Jij pleegt diefstallen en inbraken, zooals je de een of andere sport zoudt -beoefenen. Tot een schurkenstreek ben je niet in staat. Integendeel. Je straft de -schurken en beloont hen, die onschuldig lijden. Je hebt al heel wat ongelukkigen voor -den hongerdood bewaard!” -</p> -<p>„Toegegeven, Charly, al overdrijf je ook een klein beetje. Maar de wet maakt niet -het onderscheid dat jij maakt. Voor de politie is een dief een dief, een inbreker -een inbreker! Wat denk je wel, dat de justitie met mij zou doen, als het den mannen -van Scotland Yard gelukte mij te pakken?” -</p> -<p>„Dat zal hen niet gelukken!” -</p> -<p>„We zullen het afwachten. Maar laat ons nu gaan, want ik heb morgen een vermoeienden -dag!” -</p> -<p>„Ik weet het, je moet morgen de schuldbekentenis uit de handen van „Diamanten-Bill” -zien te krijgen!” -</p> -<p>„Dat komt vandaag nog in orde, dat zaakje maak ik schriftelijk af. -</p> -<p>„Kom, laat ons naar de leeszaal gaan. Binnen vijf minuten is de heele boel voor elkaar!” -</p> -<p>Brand schudde ongeloofelijk het hoofd en volgde zijn vriend naar de prachtig ingerichte -leeszaal op de eerste verdieping van het hotel. -</p> -<p>De lord ging aan een groen bekleede tafel zitten, nam een velletje papier met het -hoofd van de firma, die het hotel exploiteerde en schreef de volgende regels: -</p> -<blockquote> -<p class="first salute">„<i>Beste mr. Warren!</i> -</p> -<p>Je hebt een groote domheid begaan, door je een schuldbekentenis te laten teekenen -door den jongen lord Montefiore. Het bezit van zoo’n papier is gevaarlijk. -</p> -<p>Daar je den nuchteren jongen tot op z’n hemd geplunderd hebt, kan die bekentenis voor -jou geen waarde hebben, want de lord bezit geen centime meer, terwijl zijn eergevoel -hem zoover heeft gebracht, dat hij zich van het leven heeft willen berooven. -</p> -<p>Zijn dood zou echter ongewenscht opzien baren en „Diamanten-Bill” geheel onnoodig -de politie op het dak sturen. Dan is het natuurlijk uit met je „vorst”-schap en je -mooie villa te Cannes zou, evenals al je diamanten, in beslag worden genomen. -</p> -<p>Als oprecht vriend en collega geef ik je daarom den goeden raad, het voor jou waardelooze -papier door te scheuren en het zoodra mogelijk met een paar beleefde woorden aan den -lord te <span class="pageNum" id="pb12">[<a href="#pb12">12</a>]</span>zenden. Hij heeft er geen flauw vermoeden van, dat de voorname Russische vorst Alex -Grigoriew niemand anders is dan „Diamanten-Bill”, die voor de heele wereld is verdronken -in het Engelsche kanaal, toen de beambten van Scotland Yard hem op de stoomboot tusschen -Dover en Calais wilden arresteeren. -</p> -<p>Je blijft dan voor hem en de heele wereld de edelmoedige vorst, zooals je je noemt, -tot groot vermaak van je vriend en collega -</p> -<p class="signed">JOHN C. RAFFLES”.</p> -</blockquote><p> -</p> -<p>Met klimmende verbazing had Brand deze regels op het papier zien zetten. -</p> -<p>„Denk je, dat dit briefje de gewenschte uitwerking zal hebben?” vroeg Raffles den -secretaris. -</p> -<p>„Natuurlijk! „Diamanten-Bill” is veel te verstandig om een goeden raad in den wind -te slaan.” -</p> -<p>„Dat denk ik ook,” sprak Raffles. -</p> -<p>Hij sloot den brief en adresseerde hem: -</p> -<blockquote> -<p class="first address"><i>Aan Zijne Doorluchtigheid</i> -<br><span class="indentxd31e530"></span>Vorst ALEX. GRIGORIEW -<br><span class="indentxd31e532"></span><i>Cannes (Zee-Alpen.)</i></p> -</blockquote><p> -</p> -<p>„Kellner, plak een postzegel op dezen brief en laat hem dan dadelijk op de bus gooien.” -</p> -<p>„Uitstekend, lord!” -</p> -<p>De kellner stoof weg met het schrijven. -</p> -<p>Hij had niet het flauwste vermoeden welke wonderlijke correspondentie hij in de hand -had. -</p> -<p>Raffles en Brand gingen naar hun kamers om den volgenden morgen vroeg naar Cannes -te reizen. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch5" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch5.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">VIJFDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">EEN NOODLOTTIGE BRIEF.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">In denzelfden tijd, dat Willy Warren den brief uit Monte Carlo ontving, wandelde een -koopman in snuisterijen met langzame schreden langs de Avenue Gambetta, waar de villa -stond van Grigoriew. -</p> -<p>„Diamanten-Bill” die, ondanks het vroege morgenuur, reeds getooid was met zijn schitterendste -diamanten, greep met een onverschillig gebaar naar de brieven, die de post hem bracht. -</p> -<p>De vorst voerde een uitgebreide correspondentie, die voornamelijk liefdesgeschiedenissen -behelsde, en de elegante man, die over fabelachtige rijkdommen scheen te kunnen beschikken, -had een bijzonder groote aantrekkelijkheid voor de dames der Riviera. -</p> -<p>Ook vandaag weer waren een groot aantal geparfumeerde briefjes door de post bezorgd, -maar de vorst scheen er al heel weinig notitie van te nemen. -</p> -<p>Met heel andere oogen bekeek hij echter een brief, die het poststempel van Monte-Carlo -droeg en waarop het adres van een der voornaamste hotels was afgedrukt. -</p> -<p>Toen Warren den brief geopend had en hem in den haast doorvloog werd zijn gelaat aschgrauw. -</p> -<p>De gewiekste gauwdief, die zich hier in zijn villa zoo zeker had gevoeld, beefde over -zijn geheele lichaam. -</p> -<p>Hij was ontdekt! -<span class="pageNum" id="pb13">[<a href="#pb13">13</a>]</span></p> -<p>Hij had steeds geloofd, dat Willy Warren voor de heele wereld gestorven was. -</p> -<p>Scotland-Yard zelf had immers aan de geheele menschheid verkondigd, dat het lijk van -den gevreesden inbreker op den bodem van het Kanaal lag. -</p> -<p>En thans moest hij vernemen, dat er lieden waren, die wisten, dat hij nog leefde en -<i>hoe</i> hij leefde. -</p> -<p>Vreeselijk! -</p> -<p>Hij raapte den brief op, die op den grond was gevallen. Nog eens las hij hem van het -begin tot het einde door—woord voor woord. -</p> -<p>Geen lettertje ontging hem, maar het resultaat was hetzelfde: hij was ontdekt. -</p> -<p>In gepeins staarde hij voor zich uit. -</p> -<p>Wat nu?— —Wat nu? -</p> -<p>Zou de strijd met de politie thans weer opnieuw beginnen? -</p> -<p>Zou hij van de heerlijke villa, de schitterende diamanten afscheid moeten nemen om -op water en brood te smachten? -</p> -<p>Afschuwelijk! -</p> -<p>Het was niet mogelijk! -</p> -<p>Wie zou iets afweten van zijn bestaan? Voorloopig slechts één persoon. -</p> -<p>Maar die ééne scheen ook heel nauwkeurig te zijn ingelicht. -</p> -<p>Zou Raffles, die beweerde een collega van hem te zijn, hem wel ooit verraden? -</p> -<p>Nooit!! -</p> -<p>Ook onder dieven en inbrekers zijn mannen van eer, die het voor schande houden, hun -makkers te verraden. -</p> -<p>En Raffles behoorde tot die mannen van eer. -</p> -<p>Nog nooit had hij een minderwaardige handeling verricht! Hij stal en hij brak in, -maar steeds werden schurken door zijn straffende hand getroffen. -</p> -<p>En dan! De brief van Raffles was op vriendschappelijken toon geschreven! Hij waarschuwde -hem en gaf goede raadgevingen. -</p> -<p>Hij was dan ook terstond besloten, den jongen Engelschman de schuldbekentenis terug -te geven. -</p> -<p>Wat had hij ook aan dat ellendige blad papier, daar Montefiore toch geruïneerd was. -</p> -<p>Haastig ging Bill naar zijn schrijftafel, woelde in de papieren van een geheime lade -en haalde de schuldbekentenis daaruit te voorschijn. -</p> -<p>Daarna nam hij schrijfpapier, dat versierd was met een vorstenkroontje. -</p> -<p>Nadat hij drie, vier zijdjes verknoeid had, was eindelijk het volgende briefje gereed -gekomen: -</p> -<blockquote> -<p class="first salute">„<i>Waarde Lord!</i> -</p> -<p>Ik houd het voor den plicht van een edelman u inliggende schuldbekentenis terug te -sturen. -</p> -<p>Ik zou er nooit gebruik van gemaakt hebben, maar ik accepteerde ze van u omdat ge -er zoo op hebt aangedrongen. Zij brandt in mijn hand. -</p> -<p>Neem haar terug. Ik heb haar verscheurd en daardoor waardeloos gemaakt. Gij hebt thans -geen verplichtingen meer tegenover mij. -</p> -<p class="signed">Steeds tot uwen dienst -<br><span class="indentxd31e597"></span>VORST ALEX GRIGORIEW<span class="corr" id="xd31e599" title="Bron: ”.">.”</span></p> -</blockquote><p> -</p> -<p>Het stond er! -</p> -<p>„Diamanten Bill” las de regels nog eens over en knikte tevreden. -</p> -<p>Hij vouwde den brief dicht, stak hem in een enveloppe en schreef het adres er op. -</p> -<p>Daarna schelde hij den bediende. -</p> -<p>„Breng dezen brief naar de post en laat hem aanteekenen, dadelijk!” -</p> -<p>De bediende haastte zich de deur uit. Buiten op straat kwam een koopman in snuisterijen -hem tegemoet om hem zijn waren aan te bieden. -</p> -<p>De bediende stiet hem ter zijde, maar de koopman had nog juist gelegenheid gehad om -een blik op het adres te slaan. -</p> -<p>„Het zaakje gaat goed”, mompelde de koopman glimlachend, „en hij schijnt haast te -maken ook. Mijn brief heeft hem leelijk bezorgd gemaakt!” -</p> -<p>De lezer heeft natuurlijk al lang begrepen, dat deze <span class="pageNum" id="pb14">[<a href="#pb14">14</a>]</span>arme koopman niemand anders was dan Raffles. -</p> -<p>Daar kwam een heer de straat op, die groote haast scheen te hebben. -</p> -<p>Radeloos keek hij naar links en naar rechts, alsof hij iemand zocht. -</p> -<p>Hij scheen bijzondere opmerkzaamheid te koesteren voor de villa’s, maar besluiteloos -keerde hij zich af en stormde verder. -</p> -<p>Een hevige stoot bracht hem tot bezinning. -</p> -<p>„Stommerd! Pas toch op!” riep de schijnbaar hevig verschrikte heer uit. „Ga toch weg -met je snorrepijperijen!” -</p> -<p>„Och, vergeef mij toch, beste heer en koop een kleinigheidje van een arm man, die -voor vrouw en kinderen heeft te zorgen!” -</p> -<p>„Alle duivels! Wat moet ik met dien rommel doen?” -</p> -<p>„Lieve, beste meneer! Heb medelijden! Vergoed mij dan ten minste de schade, die ge -mij hebt berokkend.” -</p> -<p>De voorname heer was al weer verder gegaan, maar de koopman bleef hem ter zijde. De -eerste wierp toen een franc naar den koopman, maar deze scheen nog niet tevreden te -zijn. -</p> -<p>Hij greep den heer bij den arm en hield hem stevig vast. -</p> -<p>„Wat wil je, onbeschaamde kerel?” klonk het ruw. -</p> -<p>De koopman keek echter met <span class="corr" id="xd31e629" title="Bron: glunder lachende">glunderlachende</span> oogen den ander aan en sprak: -</p> -<p>„Ik wou je alleen maar zeggen, beste Charly, dat je een domkop bent—en blijft. Je -herkent zelfs je vriend en meester niet meer!” -</p> -<p>„Drommels! Edward! Ben jij ’t?” -</p> -<p>Brand was verbluft. -</p> -<p>„Ik had je waarlijk in die kleedij niet herkend.” -</p> -<p>„Dat doet me pleizier! Dan zullen de anderen me nog minder herkennen. Maar wat wil -je eigenlijk hier?” -</p> -<p>„Vraag je dat nog? Ik zoek jou!” -</p> -<p>„Waarom? Is er wat gebeurd?” -</p> -<p>„Niets anders, dan dat je spoorloos verdwenen bent. Ik dacht, dat je een ongeluk was -overkomen. Vertel eens, wat doe je hier? En wat moet dat potsierlijke pak?” -</p> -<p>Raffles lachte. -</p> -<p>„Kun je dat werkelijk niet raden?” -</p> -<p>„Hoe zou ik? Wie kan al jouw gangen naspeuren?” -</p> -<p>„Dan zal ik het je vertellen. Ik had het plan om te controleeren of „Diamanten-Bill” -gehoorzaam mijn goeden raad had opgevolgd en de schuldbekentenis naar lord Montefiore -had teruggestuurd.” -</p> -<p>„Nu al? Dan zul je nog wel een poosje geduld moeten hebben.” -</p> -<p>„Hou je kalm, Charly! Mijn doel is al bereikt. De aangeteekende brief naar lord Montefiore -is al onderweg. En ga nu mee, ik heb honger!” -</p> -<p>„Met jou meegaan?” -</p> -<p>„Natuurlijk!” -</p> -<p>„In dit pak?” -</p> -<p>„Neen, neen! Ik kom dadelijk!” -</p> -<p>„Allright!” -</p> -<p>Brand snelde naar het hotel. -</p> -<p>Zijn verbazing was echter grenzeloos, toen hij in de vestibule van het hotel zijn -vriend ontmoette, keurig gekleed, een witte camelia in het knoopsgat van zijn smoking, -de onafscheidelijke sigaret in den mond. -</p> -<p>Thans dacht de secretaris inderdaad spoken te zien op klaarlichten dag. -</p> -<p>Dat kon toch onmogelijk zuiver spel zijn. -</p> -<p>Een kwartier geleden had hij zijn vriend en meester nog op de Avenue Gambetta ontmoet -en nu stond hij hier in levende lijve, als gentleman gekleed, uiterlijk doodkalm, -voor hem. -</p> -<p>Hij was heel wat van Raffles gewoon. Maar dit overtrof alles, wat hij totnogtoe van -hem gezien had. -</p> -<p>Tevergeefs verzocht hij zijn vriend, hem dit ongeloofelijke te verklaren. -</p> -<p>Deze antwoordde slechts: -</p> -<p>„Na den lunch zullen we een eindje gaan wandelen, dan zal ik je alles vertellen”. -</p> -<p>En een uur later vertelde Raffles: -<span class="pageNum" id="pb15">[<a href="#pb15">15</a>]</span></p> -<p>„De zaak is heel eenvoudig en natuurlijk toegegaan. Hoe vaak heb ik je niet al gezegd, -dat vlugheid geen kunst is. Terwijl jij langs de Avenue Gambetta wegvloogt, nam ik -plaats in een gesloten automobiel—natuurlijk zoo, dat de chauffeur mij niet zag, voordat -ik er in zat. Toen stak ik mijn hoofd uit het portier en noemde het doel van den tocht. -Intusschen verkleedde ik mij en, tien minuten vóórdat jij hier kwaamt, verliet ik -den auto in keurig toilet. Dat is alles!” -</p> -<p>„En je mand? Je snuisterijen? Je kleeren?” -</p> -<p>„Heb ik op een veilig plaatsje op de Avenue Gambetta bewaard. Vanavond, als het donker -is geworden haal ik alles weer te voorschijn. De mand met snuisteren geef ik den kinderen -van Cannes present”. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch6" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch6.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">ZESDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">„DIAMANTEN-BILL”.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Vorst Alex Grigoriew was zoo onder den indruk van den brief, dien hij had ontvangen, -dat hij gedurende de eerste dagen zijn villa niet verliet. -</p> -<p>De meest verlokkende uitnoodigingen en afspraken met de mooiste en rijkste dames liet -hij onbeantwoord en hij vertoonde zich niet in de club te Nizza en evenmin aan de -speeltafel te Monte-Carlo. -</p> -<p>Raffles had het dus alles behalve gemakkelijk, maar hij was geduldig en wachtte af. -De meesterdief had zich voorgenomen den oplichter, die den Lord door valsch spel zijn -geheele vermogen had afhandig gemaakt, op zijn beurt weer van het vele goud te berooven, -en wat Raffles zich eens had voorgenomen, dat bracht hij ook tot uitvoering. -</p> -<p>Een beetje tijdverlies hinderde hen dan ook niet. -</p> -<p>Dat Lord Montefiore opnieuw plannen tot zelfmoord zou koesteren was niet te vreezen. -</p> -<p>Raffles had hem bezocht, kort nadat de vorst hem de schuldbekentenis had teruggebracht. -De jongeman had toen in vele bewoordingen het edelmoedig karakter van den vorst geprezen. -</p> -<p>„Gelooft ge nu nog altijd, dat vorst Alex <span class="corr" id="xd31e680" title="Bron: Gregoriew">Grigoriew</span> een—een—ik kan het woord niet goed uitspreken?” -</p> -<p>„Een oplichter is, bedoelt ge, mylord?” vroeg Raffles. -</p> -<p>„Ik zou dat woord niet graag gebruiken, Lord Lister. Ge ziet dat hij edelmoedig is, -door mij de schuldbekentenis terug te sturen. Als hij inderdaad een bedrieger was, -zooals gij hem afschildert, dan zou hij mij zeker tot betaling hebben gedwongen<span class="corr" id="xd31e686" title="Bron: ”.">.”</span> -</p> -<p>„En hij had u eerst tot de laatste centime geplunderd!” -</p> -<p>Lord Montefiore zweeg. -</p> -<p>Hij kwam tot de overtuiging, dat hij wel een beetje al te veel partij trok voor dien -ander. -</p> -<p>Raffles zag de verlegenheid van den jongen man. -</p> -<p>„Veroorloof mij een vraag, mylord”, vervolgde hij thans. „Zoudt gij ooit iemand, die -door den speelduivel was bezeten, zóó hebben uitgeplunderd, als die man het u heeft -gedaan?” -</p> -<p>Wederom zweeg lord Montefiore. -</p> -<p>Hij wilde niet ontkennend antwoorden. -<span class="pageNum" id="pb16">[<a href="#pb16">16</a>]</span></p> -<p>„Welnu mylord”, hernam Raffles, „ik zal u zeggen, wat gij verzwijgt. Gij zoudt dat -niet hebben gedaan, beslist niet. Vrees echter niets. Uw vriendelijke vorst zal niets -geschieden. Hem zal geen haar gekrenkt worden. Maar om u toch een weinig op de hoogte -te helpen, wil ik u wel mededeelen, dat hij de schuldbekentenis absoluut niet uit -eigen beweging heeft teruggestuurd. Ik heb hem daartoe gedwongen”. -</p> -<p>„Toch niet uit mijn naam?” vroeg de Engelschman vlug. -</p> -<p>„Neen, uit mijn eigen naam”. -</p> -<p>„Zoo?” -</p> -<p>„Ja, ik heb hem verteld, dat zijn streken zijn uitgekomen”. -</p> -<p>„Kent ge hem dan?” -</p> -<p>„Ja”. -</p> -<p>Montefiore keek verrast op. -</p> -<p>„O, dat verandert de zaak”, antwoordde hij. „Ik meende, dat gij al uw beweringen op -louter vermoedens hadt gegrond”. -</p> -<p>„Dat doe ik nooit, mylord. Op het oogenblik kan ik u echter geen nadere aanduidingen -van zijn persoon geven. Ik hoop, dat ge na dit gesprek nooit meer mondeling of schriftelijk -één woord met dien oplichter zult wisselen”. -</p> -<p>„Dat beloof ik u gaarne”. -</p> -<p>„En nu zullen we ons best eens doen, om u het verloren geld weer terug te bezorgen”, -sprak Raffles op beslisten toon. -</p> -<p>„Hoe zou dat kunnen? Ge zult de politie toch niet er bijhalen? Ik zou niet graag willen, -dat de naam Montefiore werd genoemd in verband met dien van een schurk”. -</p> -<p>„Ge behoeft u geen oogenblik bevreesd te maken, mylord. Ik zal geheel zelfstandig -handelen, en ik geloof, dat ik u over enkele dagen reeds de som kan teruggeven”. -</p> -<p>„Zonder hulp der politie?” -</p> -<p>„Natuurlijk. Ik ben er zelf in het minst niet op gesteld, om de hulp in te roepen -van den sterken arm. En laat maar gerust de regeling van het heele zaakje aan mij -over, dan komt alles zoo gauw mogelijk in orde. En laat ik u nu nog eens van dienst -zijn, en u een som gelds leveren, opdat ge volgens uw stand zult kunnen leven”. -</p> -<p>Den jongen lord schoot het bloed naar de wangen. -</p> -<p>De edelmoedigheid van den nieuwen vriend bracht hem in verlegenheid, en Raffles moest -nog langen tijd aandringen, voordat hij de blanco chèque in ontvangst nam. -</p> -<p>Lord Lister reisde met den eerstvolgenden trein naar Cannes terug, en ging toen zijn -wachtpost op de Avenue Gambetta weer innemen. -</p> -<p>Vorst Alex Grigoriew intusschen, verveelde zich danig in zijn mooie villa. -</p> -<p>Tot nog toe was hij er altijd met een blauw oog afgekomen, als hij de een of andere -schurkenstreek had bedreven. -</p> -<p>In zijn jeugd was hij eens veroordeeld tot anderhalf jaar gevangenisstraf. Dat was -al lang geleden, en destijds viel hem die straf niet zoo zwaar, wijl hij armoedig -leefde, en steeds te kampen had met honger en zorgen. Maar sindsdien was zijn leven -vol glans geworden. In de gevangenis had hij een uitstekende leerschool in het inbreken -doorgemaakt, en toen hij weer op vrije voeten kwam, had hij steeds met het grootste -succes zijn boevenstreken bedreven. Hij stamde uit de onderste lagen der maatschappij, -maar desondanks had hij in zijn voorkomen een zekere elegance, en zoo het ook al aan -beschaving ontbrak, wist hij zich toch met bewonderenswaardige zekerheid in goede -kringen te gedragen. -</p> -<p>Grigoriew had al heel wat landen van Europa onveilig gemaakt. Hier, aan de Riviera, -wilde hij een eind maken aan zijn rondzwervingen, en er een blijvende woonplaats zoeken. -</p> -<p>Waarom ook niet? -</p> -<p>Hij was multi-millionair, bezat een prachtige villa en een schat van de kostbaarste -diamanten. -<span class="pageNum" id="pb17">[<a href="#pb17">17</a>]</span></p> -<p>Maar evenals een kat kan ook de dief het muizen niet nalaten. Een inwendige drang -om schurkerijen te plegen, kon hij niet weerstaan, en toen hij den onervaren Montefiore -ontmoette, had hij dezen naar alle regelen der kunst uitgeplunderd. -</p> -<p>Toen kwam plotseling de onverwachte slag door den brief van Raffles. -</p> -<p>Eenige dagen bracht Grigoriew in duizend vreezen door. -</p> -<p>Hij stond op het punt om al zijn bezittingen achter te laten en te vluchten, want -voor de politie had hij den grootsten eerbied. -</p> -<p>Maar er gebeurde niets. -</p> -<p>Grigoriew wachtte van den eenen dag op den anderen, zonder dat iets buitengewoons -voorviel. -</p> -<p>Raffles liet niets meer van zich hooren, en de vrees van den valschen speler sluimerde -langzamerhand weer in. -</p> -<p>Hij besloot echter voorzichtig te zijn en zich niet te vertoonen op gevaarlijke plaatsen -of in gevaarlijk gezelschap. Hij verliet Cannes niet meer. -</p> -<p>Als het hem al te vervelend werd, om als een gevangene in zijn villa te zitten, dan -ging hij een eindje wandelen, steeds er op bedacht, dat hij niet vervolgd of bespied -werd. -</p> -<p>En tòch volgde Raffles hem op den voet, maar de groote onbekende legde hierbij zooveel -handigheid aan den dag, dat de beste tooneelspeler of de slimste detective het hem -niet hadden kunnen verbeteren. -</p> -<p>Hij had een groote massa kleeren bij zich, en dagelijks verscheen hij als een ander -persoon in de Avenue Gambetta, maar nooit verscheen hij er als een Engelsche lord. -</p> -</div> -</div> -<div id="ch7" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch7.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">ZEVENDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">TWEE CONCURRENTEN</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Op zekeren dag bemerkte lord Lister, dat „Diamanten-Bill” zijn villa verliet, keurig -gekleed, den cylinder op het hoofd, de briljanten ringen als steeds aan zijn vingers. -</p> -<p>Ook Raffles was in elegant kostuum. Hij zag er uit als een voornaam Amerikaan tusschen -55- en 60-jarigen leeftijd. -</p> -<p>De oude heer had de proef op de som genomen en in de leeszaal zijn vriend Charly Brand -om een lucifer gevraagd. Deze had het vuur, zonder het minste vermoeden, gegeven. -</p> -<p>Raffles kon in elk geval er zeker van zijn, niet door Willy Warren te worden herkend, -als deze hem ontmoette. Hij kon den „vorst” dus onopgemerkt volgen en hij deed dat -zóó handig, dat niemand er iets van merkte. -</p> -<p>Grigoriew wandelde doelloos door de straten rond. -</p> -<p>Hij behoorde tot dat soort menschen, die zichzelf niet bezig kunnen houden, als zij -uit hun gewone doen komen. -<span class="pageNum" id="pb18">[<a href="#pb18">18</a>]</span></p> -<p>Hij miste de club en het casino en thuis, in zijn prachtige, leege villa, was het -niet uit te houden. -</p> -<p>Voor elk venster bleef hij staan. Hier en daar deed hij inkoopen. John Raffles keek -naar hem met Argus-blik. -</p> -<p>De vorst bleef nu staan voor den winkel van een antiquair. Een prachtige, oude rococo-kast -had zijn opmerkzaamheid getrokken. -</p> -<p>Het was inderdaad een prachtstuk. -</p> -<p>Raffles zelf zou graag het kostbare meubelstuk voor zich hebben gekocht, als hij maar -had geweten, wat hij er mee had moeten doen. -</p> -<p>Grigoriew ging den winkel binnen. Twee minuten later hield een auto voor den winkel -stil en een Amerikaan stapte er uit, die eveneens den winkel binnenging. -</p> -<p>De winkelier zat een beetje in verlegenheid, toen hij de beide voorname klanten tegelijk -ontving, maar de Amerikaan ging doodkalm in een stoel zitten en zei in gebroken Fransch, -met Engelsch accent: -</p> -<p>„Ik heb allen tijd! Ge kunt gerust eerst dien heer helpen!” -</p> -<p>De Amerikaan begon een paar staalboeken te doorbladeren en het scheen, alsof hij niets -bespeurde van alles, wat er om hem heen gebeurde. -</p> -<p>Maar dat was niet waar. Geen woord ontging zijn scherpe ooren. -</p> -<p>Grigoriew onderhandelde met den winkelier over den verkoop van de kast, die 3000 francs -kostte. -</p> -<p>De prijs kwam er natuurlijk bij een vorst en millionair niet op aan. -</p> -<p>Maar Grigoriew had nog verscheiden veranderingen te bedisselen, de kast moest opnieuw -gebeitst en in de was gezet worden, schroeven en sloten moesten worden vernieuwd, -voordat de kast naar zijn villa aan de Avenue Gambetta moest worden afgeleverd. -</p> -<p>Eindelijk ging Grigoriew heen, zonder te hebben betaald, wat trouwens ook niet noodig -was. -</p> -<p>De winkelier ging nu naar den Amerikaan toe, die zoo langen tijd geduldig had gewacht -en nu met een luiden geeuw opstond. -</p> -<p>Hij kocht verscheidene aardige voorwerpen en bleef toen, met besluiteloos gebaar, -voor de mooie oude kast staan. -</p> -<p>„Wat kost die?” -</p> -<p>„Drieduizend francs, mijnheer!” -</p> -<p>„Die koop ik!” -</p> -<p>De winkelier trok een pijnlijk gezicht. -</p> -<p>„Het spijt me, mijnheer, ik kan u niet helpen. De kast is juist aan vorst Grigoriew -verkocht!” -</p> -<p>„Wel, bezorg mij dan een andere kast, net zoo een als deze!” -</p> -<p>De winkelier haalde de schouders op. -</p> -<p>„Er bestaat niet zoo’n tweede exemplaar van die kast. Ge zoudt daarnaar tevergeefs -zoeken!” -</p> -<p>„Maar waarde heer! Ik koop heelemaal niets van je, als ik die kast niet krijg!” -</p> -<p>„Maar meneer, dat is toch belachelijk!” -</p> -<p>„Waarom belachelijk? Zijt gij een goed koopman? In Amerika doen we dat heel anders. -De kast staat hier—is niet betaald—niet afgehaald—dus ook niet verkocht. Ik geef u -er 4000 francs voor.” -</p> -<p>De winkelier aarzelde. -</p> -<p>Hij verdiende reeds 1800 francs aan het meubel; als de Amerikaan 4000 francs er voor -gaf, zou zijn winst nog met 1000 francs vermeerderd worden. -</p> -<p>Maar hij had de kast al verkocht aan den vorst en dien klant wilde hij liefst niet -verliezen. -</p> -<p>De Amerikaan scheen de gedachte van den winkelier te raden. -</p> -<p>„Ge zijt niet handig”, sprak hij, „alle Europeanen zijn in zaken dom. Zeg dien heer, -dat de kast al verkocht was, zonder dat ge het wist. Zeg, dat uw vrouw het meubel -had verkocht, toen ge niet thuis waart.” -</p> -<p>„Maar ik heb geen vrouw! Ik ben zelfs nooit getrouwd geweest!” -</p> -<p>„Goed, zeg dan dat uw zoon het heeft gedaan!” -</p> -<p>„Beste heer, een zoon heb ik nog veel minder!” -<span class="pageNum" id="pb19">[<a href="#pb19">19</a>]</span></p> -<p>„Allemachtig, wat zijn jullie dom! Zeg dan, dat een tante van u gestorven was en dat -ge naar de begrafenis moest en dat een zwager van u de kast voor 5000 francs verkocht. -Die som wil ik u er dadelijk voor betalen. Wat kosten de andere dingen, die ik gekocht -heb?” -</p> -<p>„758 francs.” -</p> -<p>„Goed! Hier is een chèque op de Lyonsche Bank. Geef mij maar een pen.” -</p> -<p>De winkelier bracht pen en inkt en de Amerikaan schreef een cheque van 5758 francs. -</p> -<p>Daarop ging de kooper heen. -</p> -<p>Des avonds kwam hij terug met een paard en wagen om de kast te laten weghalen. -</p> -<p>Toen Alex Grigoriew den volgenden dag weer voorbij den winkel kwam, zag hij, dat de -kast er niet meer stond. -</p> -<p>„Zij is al in den maak”, dacht hij en hij ging verder. -</p> -<p>En de kast wàs inderdaad in den maak, alleen niet bij den schrijnwerker, maar bij -een slotenmaker, door Raffles besteld. -</p> -<p>De meester-dief had het meubelstuk dadelijk naar een bekwaam werkman laten brengen -en het zóó laten veranderen, dat een persoon zich er in kon verbergen. -</p> -<p>Dit moest natuurlijk zóó gemaakt worden, dat geen sterveling er iets van bemerkte; -scharnieren en schroeven en sloten en laden moesten losgebroken en vastgemaakt, maar -toen de kast was afgeleverd, was alles zóó keurig gedaan, dat Raffles den arbeid gaarne -vorstelijk beloonde. -</p> -<p>Nu kon hij beginnen! -</p> -<p>Men zou toch eens zien, hoe schitterend het wraakplan, dat hij op touw had gezet, -gelukken moest! -</p> -</div> -</div> -<div id="ch8" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch8.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">ACHTSTE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">EEN GEHEIMZINNIGE KAST.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Raffles was steeds gewoon al zijn plannen alleen ten uitvoer te brengen, zonder dat -hij daarbij de hulp van een ander inriep. -</p> -<p>Alleen Brand zou voor dergelijke hulp in aanmerking zijn gekomen. -</p> -<p>Maar Charly was te zenuwachtig. Hij bedierf veel door al te grooten ijver, wat goed -had kunnen afloopen, als de zaak bedaard was aangepakt. -</p> -<p>Ditmaal echter moest Raffles wel de hulp inroepen van zijn secretaris. Hij had hem -noodig en dus moest hij hem in het vertrouwen nemen. -</p> -<p>„Heb je een kast gekocht, Edward?” vroeg Charly, toen Raffles hem het meubelstuk liet -zien. -</p> -<p>„Wat wil je daarmee in ’s hemelsnaam beginnen? Wil je misschien hier in Cannes een -huisgezin opzetten?” -</p> -<p>John Raffles glimlachte. -</p> -<p>Toen haalde hij de schouders op. -</p> -<p>„Eigenlijk gezegd, Charly, heb ik daarover niet nagedacht. De kast beviel mij bijzonder -en je weet, wat mij bevalt, dat koop ik.” -<span class="pageNum" id="pb20">[<a href="#pb20">20</a>]</span></p> -<p>„O, lieve hemel, Edward! En dat zware ding heeft je zeker al heel wat geld gekost!” -</p> -<p>„Vijfduizend francs.” -</p> -<p>„Vijfduizend francs? Alle donders! Jij schijnt al heel goed bij kas te zijn!” En fluisterend -voegde hij er aan toe: -</p> -<p>„Je weet toch, Edward, dat wij de laatste weken niet gewerkt hebben, omdat je niets -anders hebt gedaan dan de menschlievendheid te betrachten. Wij hebben weer geld noodig!” -</p> -<p>„Hm! Daarvoor moet de kast juist dienen!” -</p> -<p>„Dat begrijp ik niet!” -</p> -<p>„Ik zal je later wel alles verklaren. Bekijk die kast maar eens goed, maak alle deuren, -kasten, schuifladen enzoovoorts open, onderzoek de sloten en vertel mij dan eens of -het ding je aanstaat en of je er ook iets bijzonders aan vindt!” -</p> -<p>Brand deed het, onderzocht alles, maar kon niets bijzonders vinden. -</p> -<p>„Zie je niets, Charly?” -</p> -<p>„Niets niemendal!” -</p> -<p>„Als ik je nu zeg, dat aan dezen kant van de kast feitelijk een geheime deur is?” -</p> -<p>De secretaris was ten zeerste verbaasd. Hij onderzocht alles nog eens nauwkeurig, -maar kon met den besten wil van de wereld niets ontdekken. -</p> -<p>„Ik kan niets vinden.” -</p> -<p>Raffles deed de deur, zonder een woord te spreken, met één enkele beweging open. -</p> -<p>„Wel, drommels”, riep Charly uit, „dat is verbazend!” -</p> -<p>„Draai je nu eens drie seconden om en kijk naar de klok. Kijk daarna weer naar de -kast.” -</p> -<p>Brand deed het. -</p> -<p>Toen hij zich na drie seconden weer omkeerde, was de kast gesloten en Raffles verdwenen. -</p> -<p>Wonderlijk! -</p> -<p>Waar kon die zijn gebleven? -</p> -<p>Brand had de kamerdeur niet hooren dichtdoen. Hij vloog er heen om te kijken, waar -zijn vriend gebleven was. -</p> -<p>Maar de deur was van binnen op slot. -</p> -<p>Ook daarlangs kon Raffles dus niet verdwenen zijn? -</p> -<p>Het was en bleef een raadsel. -</p> -<p>„Edward!” riep de secretaris. -</p> -<p>„Charly!” antwoordde een doffe stem. -</p> -<p>„Waar ben je?” -</p> -<p>„Wat denk je?” -</p> -<p>„Ik weet het niet!” -</p> -<p>„Ik zit in de kast!” -</p> -<p>Charly ontstelde. -</p> -<p>Plotseling vloog een klepje open in de kast en Brand keek John in het gelaat, en daarnaast -zag hij een hand, die een revolver vasthield. Het wapen was op hem gericht en het -gelaat van John was door een zwart masker bedekt. -</p> -<p>Brand wilde op zij springen om het dreigende wapen te ontvluchten, maar nu werd ook -aan dien kant een klep geopend en wederom werd de loop van de revolver op hem gericht. -</p> -<p>„Wees niet flauw, Edward! Wat beteekent dat?” -</p> -<p>Raffles lachte. -</p> -<p>„Draai je drie tellen om”. -</p> -<p>Brand deed het. -</p> -<p>Even daarna stond Raffles weer voor hem. -</p> -<p>„Wel, wat zeg je van mijn uitvinding, Charly?” -</p> -<p>„Enorm! De schrik zit mij door alle leden!” -</p> -<p>„Ik heb m’n doel bereikt! Nu kan vorst Alex Grigoriew zijn kast krijgen!” -</p> -<p>„Grigoriew? Zijn kast!” -</p> -<p>„Ja! Hij had ze gekocht”. -</p> -<p>„Ik dacht, dat jij dat hadt gedaan!<span class="corr" id="xd31e871" title="Niet in bron">”</span> -</p> -<p>„Ik ook, zeker! Maar ik sta hem het ding gaarne af. Hij wil het hebben en ik geef -het hem. ’t Is zoo’n charmant heer, die vorst!” -</p> -<p>„Die oplichter? Edward, je spreekt weer in raadsels!” -</p> -<p><span class="corr" id="xd31e877" title="Niet in bron">„</span>Ik zal je gauw genoeg alles ophelderen. Nog een <span class="pageNum" id="pb21">[<a href="#pb21">21</a>]</span>beetje geduld! En nu moet ik naar den winkelier”. -</p> -<p>„Jij?” -</p> -<p>„Ja”. -</p> -<p>Raffles ging. -</p> -<p>De winkelier ontving den voornamen klant met de grootste beleefdheid. -</p> -<p>„Wat is er van uw dienst?” vroeg hij met een buiging. -</p> -<p>„Ik heb een paar dagen geleden een kast gekocht”. -</p> -<p>„Zeker, mijnheer!” -</p> -<p>„Ik kan ze echter niet gebruiken!” -</p> -<p>De winkelier schrikte. -</p> -<p>„Ik moet de kast teruggeven”. -</p> -<p>„Maar mijnheer—ik begrijp niet—”. -</p> -<p>„Ge begrijpt nooit iets. Ik kan de kast niet gebruiken en geef haar dus met rouwgeld -terug!” -</p> -<p>„Zoo—”. -</p> -<p>Het gelaat van den koopman klaarde op. -</p> -<p>„Hoeveel denkt mijnheer— —” -</p> -<p>„Ik denk niet. Ik handel. Luister. Ik heb de kast haar den schrijnwerker gestuurd, -die haar heelemaal weer gerepareerd heeft. Ge kunt haar dus kant en klaar leveren -aan den heer, die haar eerst gekocht heeft! Hoe heet die?” -</p> -<p>„Vorst Alex Grigoriew!” -</p> -<p>„Waar woont hij?” -</p> -<p>„Avenue Gambetta, 25”. -</p> -<p>„Goed! Ik zal het meubel daar laten bezorgen. Geef mij een quitantie van 3000 francs, -ik heb dan 2000 francs rouwgeld betaald!” -</p> -<p>De winkelier wreef zich in de handen. -</p> -<p>Neen maar! Daar kwam hij nog goed af. En hij schreef dadelijk de kwitantie. -</p> -<p>Het was al avond, toen aan de villa van vorst Grigoriew gescheld werd. -</p> -<p>De vorst, die zich vreeselijk verveelde in zijn gedwongen gevangenschap, beval den -bediende, dat de kast kon gebracht worden. -</p> -<p>Raffles intusschen, had Charly Brand meegedeeld, wat zijn bedoeling was. Hij wilde -zich in de kast naar het huis van den vorst laten brengen. -</p> -<p>„Pas op, Edward, doe het niet!” had Charly op dringenden toon gewaarschuwd. -</p> -<p>„Niet doen?” -</p> -<p>„Neen, natuurlijk niet!” -</p> -<p>„Wat zou mij kunnen gebeuren?” -</p> -<p>„Als Bill Warren je nu eens in de kast ontdekt? Wat dan?” -</p> -<p>„Beste jongen, dat is het juist! Ik ga in de kast, opdat hij mij zal ontdekken!” -</p> -<p>„Wie? Wat? Dat is wat nieuws! Dan ben je verloren!” -</p> -<p>„Dat zie ik nog niet in!” -</p> -<p>„Wat wil je beginnen, als hij een bediende roept?” -</p> -<p>„Hij zal wel oppassen!” -</p> -<p>„Maar bedenk toch, Edward, hij heeft zooveel voor, als jij daar in de kast zit. Je -kunt je immers niet verroeren!” -</p> -<p>„Dat komt allemaal in orde, beste kerel!” -</p> -<p>„Kom, Edward, laat het plan varen. ’t Is veel te gewaagd!” -</p> -<p>„Geen denken aan, Charly. Ik wil toch eens zien, wie van ons beiden het wint, Diamanten -Bill of ik. Zijn de werklui er om de kast te versjouwen?” -</p> -<p>„Allen!” -</p> -<p>„En de koetsier met den wagen?” -</p> -<p>„Is er ook!” -</p> -<p>„Laat dan de kast halen. Ik ga vooruit om er in te klimmen. Niemand mag weten wat -vervoerd wordt.” -</p> -<p>„Ik zwijg als het graf. Wees jij maar voorzichtig, Edward!<span class="corr" id="xd31e930" title="Niet in bron">”</span> -</p> -<p>„Dank voor je goeden raad, dag!” -</p> -<p>Raffles vloog weg. -</p> -<p>„Het is een stuk uit een dolhuis”, mompelde Charly. „Ik geloof nooit, dat het goed -zal afloopen. Als hem iets overkomt, is het zijn eigen schuld. Ik heb hem vaak genoeg -gewaarschuwd.<span class="corr" id="xd31e936" title="Niet in bron">”</span> -<span class="pageNum" id="pb22">[<a href="#pb22">22</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch9" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch9.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">NEGENDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">IN HET VIJANDELIJKE KAMP.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">John Raffles zat allang in de kast, toen Brand met de werklui kwam. -</p> -<p>De mannen verbaasden zich over de geweldige zwaarte van het meubel. Maar Charly beloofde -een extra-fooi en toen hield het gemopper al heel gauw op. -</p> -<p>Maar Charly zelf liep op vuur. -</p> -<p>Hij zat in duizend vreezen, dat Raffles zich op de een of andere onverwachte manier -zou verraden. -</p> -<p>Maar alles ging uitstekend en de kast werd met vereende krachten op de plaats neergezet, -waar vorst Grigoriew haar verlangde. -</p> -<p>Deze, die niets om handen had, begon nu al heel gauw zijn papieren in orde te maken -en te rangschikken in het nieuwe meubel. -</p> -<p>Hij had er natuurlijk niet het flauwste vermoeden van, dat een vijand in zoo onmiddellijke -nabijheid vertoefde. -</p> -<p>Voor Raffles was de positie inderdaad hachelijk. -</p> -<p>Een hoest- of niesbui zou hem hebben verraden. -</p> -<p>De tijd verstreek voor hem in de grootste verveling. -</p> -<p>Grigoriew had langen tijd werk met zijn papieren. -</p> -<p>Daarna ging hij een wandeling maken en tegen middernacht kwam hij terug. -</p> -<p>Al dien tijd bleef Raffles in zijn schuilhoek. -</p> -<p>Eerst toen de vorst naar bed was gegaan, kwam hij te voorschijn. -</p> -<p>Hij had intusschen rondgespied. -</p> -<p>Bill Warren’s slaapkamer was vlak bij de zitkamer. Maar de slaapkamer werd des nachts -zorgvuldig gesloten en daarin juist bevond zich de groote ijzeren brandkast van den -vorst. -</p> -<p>Daarin zou zeer zeker de geheele bezitting van den oplichter verborgen zijn. -</p> -<p>Maar de compromitteerende papieren zou de schurk zeker niet in die brandkast verbergen. -</p> -<p>Dat was lang niet veilig genoeg. -</p> -<p>Hier, in de zit- en studeerkamer was zeker wel zoo’n geheime schuilplaats te vinden -en de onschuldige schrijftafel zou veel eerder zoo’n geheime bergplaats in zich sluiten. -</p> -<p>Raffles snuffelde rond, langen tijd. -</p> -<p>Maar hij vond niets. -</p> -<p>Nadat hij de schrijftafel zorgvuldig doorzocht had, zocht hij onder het tapijt, achter -de schilderijen, in den haard, achter den spiegel, onder de zittingen der stoelen. -</p> -<p>Nog niets. -</p> -<p>Maar hij gaf het zoeken niet op. -</p> -<p>Toen, plotseling, viel zijn blik op de groote pendule. -</p> -<p>Dit prachtige bronzen uurwerk was juist het ding, dat Raffles zocht. -</p> -<p>Hij ging er heen en belichtte haar eerst zorgvuldig aan alle kanten met zijn electrische -zaklantaarn. -</p> -<p>Juist! -</p> -<p>Daar zag hij een heel klein schelletje, bijna onzichtbaar aangebracht, maar toch ontdekt -door de Argusoogen van den meester-dief. -</p> -<p>Als de klok werd weggenomen, ging het schelletje luiden, <span class="corr" id="xd31e977" title="Bron: dit">dat</span> zeker in de slaapkamer van den oplichter alarm zou slaan. -</p> -<p>Raffles glimlachte zegevierend. -</p> -<p>Hij sneed den electrischen draad van het schelletje met zijn werktuigen door. -</p> -<p>Ziezoo! -</p> -<p>Nu kon hij de pendule zonder gevaar verzetten. -</p> -<p>Hoera!! -</p> -<p>Hij had gevonden wat hij zocht, daar waren de papieren. Een bevel tot inhechtenisneming, -een pas, een photographie, door de politie afgestempeld, en andere dingen, die de -identiteit van den inbreker Willy Warren volkomen aanduidden. -</p> -<p>Er waren ook een paar minnebrieven uit vroeger tijd en het portret van een beruchte -vrouw uit Londen. -</p> -<p>Dat was een goede vondst voor Raffles. -</p> -<p>Vlug borg hij alles bij zich. -<span class="pageNum" id="pb23">[<a href="#pb23">23</a>]</span></p> -<p>Toen zette hij de pendule weer op haar plaats. -</p> -<p>Raffles had nu, wat hij noodig had. -</p> -<p>Maar nu deed zich een omstandigheid voor, waarop hij niet had gerekend. -</p> -<p>Hij kon de kamer niet uit. -</p> -<p>De jaloezieën voor de vensters waren stevig gesloten, evenals de deuren. -</p> -<p>Raffles zou natuurlijk wel kans hebben gezien om naar buiten te komen, maar het was -hem er om te doen om geen enkel spoor na te laten. -</p> -<p>Zoo bleef hem niets anders over dan weer in de kast te gaan. -</p> -<p>Het begon al te schemeren, want er was heel wat tijd heengegaan met het zoeken naar -de papieren. -</p> -<p>De groote onbekende bracht een tijd door, die tot de onaangenaamste herinneringen -van zijn leven bleef behooren en waaraan hij later steeds met rilling terugdacht. -</p> -<p>Alex Grigoriew kwam in den morgen in het kleine salon, waar hij zijn thee dronk en -een uitgebreide correspondentie beantwoordde. -</p> -<p>Het was afschuwelijk weer. -</p> -<p>De valsche speler ging dus niet uit en bleef urenlang in de zitkamer. -</p> -<p>Als hij haar eens verliet, was het slechts voor een enkel oogenblik. -</p> -<p>Al dien tijd zat Raffles in de kast. -</p> -<p>Het was donker om hem heen. -</p> -<p>Hij had eten noch drinken tot zich kunnen nemen en zijn geliefkoosde sigaret miste -hij nog het ergst. -</p> -<p>Hij moest zich echter doodstil houden en nauwelijks durfde hij ademhalen in een atmosfeer, -die bezwangerd was met hout- en terpentijnlucht. -</p> -<p>De vorst morrelde intusschen voortdurend in de vakjes en laden der kast. -</p> -<p>Elk oogenblik kon een ontdekking volgen en dan was Raffles aan zijn vijand overgeleverd, -want hij had bemerkt, dat „Diamanten-Bill” juist een stoel had geschoven voor dien -kant van de kast, waarlangs Raffles zou kunnen vluchten. -</p> -<p>En op den stoel stond een heele stapel boeken. -</p> -<p>Raffles zat dus in de knip en durfde zich derhalve niet verroeren. -</p> -<p>De dag viel hem eindeloos lang, het was voor hem een hel op aarde. -</p> -<p>En Charly, dacht Raffles. -</p> -<p>Als Charly in zijn overgroote ijver en uit bezorgdheid voor zijn vriend maar geen -dwaze dingen ging doen. -</p> -<p>Als Charly maar niet alles bedierf. -</p> -<p>Raffles leed geweldig. -</p> -<p>Eindelijk—eindelijk viel de avond. -</p> -<p>Uit het gesprek van den vorst met zijn bediende had Raffles gehoord, dat het weer -beter was en dat de vorst wilde uitgaan. -</p> -<p>Grigoriew maakte groot toilet, waarschijnlijk had hij aangename afspraken. -</p> -<p>Raffles haalde verruimd adem. -</p> -<p>Toen alles stil was geworden, opende de meesterdief de deur van zijn gevangenis; de -stoel was door een bediende ter zijde gezet. -</p> -<p>Door het venster sprong hij nu in den tuin, wat hem zonder eenige moeite gelukte. -</p> -<p>Toen klom hij, handig, als een kat, over het hooge hek en ijlde naar zijn hotel. -</p> -<p>Brand was er niet! -</p> -<p>Waar ter wereld zou die nu weer zitten? Het hotelpersoneel wist te vertellen, dat -hij door een heer was afgehaald. -</p> -<p>Door een heer? -</p> -<p>Wie kon dat zijn? -</p> -<p>Brand had hier geen kennissen. -</p> -<p>Was het misschien de jonge lord Montefiore? Maar de beschrijving, door den ober gegeven, -kwam met diens persoonlijkheid allerminst overeen. -</p> -<p>Raffles at stevig en dronk een verkwikkend glas wijn. -</p> -<p>Toen wachtte hij op de terugkomst van zijn vriend. -</p> -<p>Charly kwam echter niet zoo gauw terug en Raffles, door vermoeienis overmand, ging -naar bed. -</p> -<p>Maar toen hij den volgenden morgen opstond, was Brand nog altijd niet op het appèl -verschenen. -<span class="pageNum" id="pb24">[<a href="#pb24">24</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch10" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch10.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">TIENDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">ONGEWENSCHT BEZOEK.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Raffles had geen tijd te verliezen. -</p> -<p>Hij was van oordeel, dat men het ijzer moet smeden als het heet is. -</p> -<p>Uit zijn kleerenvoorraad nam hij de uniform van een Italiaansch officier van politie, -trok deze aan en ging naar de villa van Grigoriew in de Avenue Gambetta. -</p> -<p>Vorst Alex schrikte niet weinig, toen hij van zijn bediende vernam, dat een politie-man -hem wenschte te spreken. -</p> -<p>Wat kon de Italiaansche politie van hem weten? -</p> -<p>Hier, in Cannes kon immers niemand iets bewijzen. -</p> -<p>Al de compromitteerende papieren lagen keurig verborgen onder de klok in een geheime -bergplaats. -</p> -<p>Hij liet den officier binnenkomen. -</p> -<p>Deze boog en nam plaats in een leunstoel. -</p> -<p>„Ik kom wegens een aanklacht”, begon de bezoeker. -</p> -<p>„Een aanklacht?” -</p> -<p>Alex werd koud en bleek. -</p> -<p>Wat was dat? -</p> -<p>Zou hij een aanklacht hebben ingediend? -</p> -<p><i>Hij?</i> -</p> -<p>Geen kwestie van. -</p> -<p>Al had men hem al zijn millioenen en diamanten ontstolen, dan nog zou <i>hij</i> wel oppassen, een aanklacht in te dienen. -</p> -<p>Wat zou hij antwoorden? -</p> -<p>Nog nooit was hij in zoo’n moeilijk parket geweest. -</p> -<p>De bezoeker scheen echter niets van de verwarring te bespeuren en vervolgde: -</p> -<p>„Uwe Doorluchtigheid is vannacht bestolen en— —” -</p> -<p>„Bestolen?” barstte „Diamanten-Bill” los, „bestolen? Ja, juist, bestolen—bestolen!” -</p> -<p>„De dief moet papieren van waarde hebben meegenomen, die verborgen waren in een geheime -bergplaats, onder een pendule.” -</p> -<p>De valsche speler kromp ineen. -</p> -<p>Wat? -</p> -<p>Onder de pendule vandaan? -</p> -<p>De vorst stond op en vloog naar den schoorsteen toe. -</p> -<p>Een enkele blik overtuigde hem ervan, dat de compromitteerende papieren inderdaad -mankeerden. -</p> -<p>En de politie wist dus al van den diefstal! -</p> -<p>Welke schurk kon haar hebben ingelicht? -</p> -<p>Ha! Hij was er! -</p> -<p>Natuurlijk alleen de dief zelf! -</p> -<p>Maar wie kende zijn geheimen? -</p> -<p>„<i>Raffles!</i>” -</p> -<p>Als een bliksemstraal vloog hem die naam door het hoofd. -</p> -<p><i>Raffles!!</i> -</p> -<p>Ja, <i>hij</i> wist, <i>wie</i> en <i>wat</i> de Russische vorst Grigoriew feitelijk was! -</p> -<p><i>Hij</i> alleen kende de geschiedenis van Willy Warren! -</p> -<p>Maar waarom had de meester-dief hem aangeklaagd? -<span class="pageNum" id="pb25">[<a href="#pb25">25</a>]</span></p> -<p>Ja, waarom? -</p> -<p>Gelukkig scheen de politieman er geen flauw vermoeden van te hebben, hoezeer zijn -boodschap den vorst had verontrust. -</p> -<p>Hij scheen alleen oogen te hebben voor de pendule. -</p> -<p>Die bezoeker, dacht Billy, scheen ook al niet tot de snuggersten te behooren. -</p> -<p>Wacht! -</p> -<p>Hij zou hem misschien om den tuin kunnen leiden. -</p> -<p>„Hier kan alleen sprake zijn van een huisgenoot, die den diefstal heeft gepleegd”, -bracht Bill eindelijk met moeite er uit. -</p> -<p>„Dus ge denkt, dat de diefstal door een van uw ondergeschikten is gepleegd?” -</p> -<p>„Ik vermoed het althans, want het is onmogelijk, dit huis binnen te dringen!” -</p> -<p>„Ook voor een meester-dief? Denkt ge dat zeker?” -</p> -<p>En weer vloog het den oplichter door het hoofd: -</p> -<p><i>Raffles— —Raffles</i>. -</p> -<p>Hij antwoordde niet. -</p> -<p>De officier vervolgde: -</p> -<p>„Wij hebben eenige aanwijzingen. Kent ge zekeren Raffles? John C. Raffles!” -</p> -<p>„Natuurlijk! Zeker!” bracht Grigoriew er, onvoorzichtig genoeg, uit. -</p> -<p>Tegelijkertijd bemerkte hij, dat hij de grootste domheid had begaan. -</p> -<p>Hij vervolgde: -</p> -<p>„Ik heb ten minste van hem gehoord, maar ik ga weinig met vreemden om!” -</p> -<p>„Ge hebt toch met lord Montefiore verkeerd?” vroeg de officier glimlachend. -</p> -<p>Alex stokte. -</p> -<p>Die man scheen toch wel drommels goed op de hoogte te zijn. -</p> -<p>„Zal ik mijn bedienden misschien roepen?” vroeg Bill, om zich een houding te geven. -</p> -<p>„Ja, Uwe Doorluchtigheid, doe dat”, antwoordde de bezoeker met lichte ironie in zijn -stem. „Ik zal u zelf later wel in verhoor nemen. Het komt er maar op aan, hen niet -te laten ontsnappen. Hebt ge misschien een geschikte plaats in de villa, waar men -hen kan opsluiten<span class="corr" id="xd31e1137" title="Bron: !">?</span>” -</p> -<p>„In de dienstbodenkamer misschien?” -</p> -<p>„Dat is goed. Zeg den lieden, dat zij daarheen moeten gaan. Wij gaan dan later en -sluiten hen op, voordat ze er op bedacht zijn!” -</p> -<p>Grigoriew haalde verruimd adem. -</p> -<p>Hij<span class="corr" id="xd31e1146" title="Niet in bron">,</span> Bill, had gewonnen spel. -</p> -<p>De arme bedienden schrikten niet weinig, toen zij naar de dienstbodenkamer gezonden -en daar opgesloten werden. -</p> -<p>Maar zij bleven kalm, overtuigd als ze waren van hun onschuld. -</p> -<p>De politie-officier zei nu tot den vorst: -</p> -<p>„Dat de bedienden zelf de papieren hebben gestolen, houdt de politie voor onwaarschijnlijk. -</p> -<p>„Mogelijk is het echter dat zij, <span class="corr" id="xd31e1154" title="Bron: vrijwilig">vrijwillig</span> of daartoe gedwongen, hulp hebben verleend. -</p> -<p>„Wij weten namelijk, hoe de dief in uw villa gekomen is!” -</p> -<p>Alex verbaasde zich hoe langer hoe meer. -</p> -<p>Hij had totnogtoe nooit een hoogen dunk van de politie gehad. -</p> -<p>Maar nu toch moest hij bekennen, dat er ook nog wel gewiekste lieden onder hen werden -aangetroffen. -</p> -<p>„De inbreker heeft zich eenvoudig laten insluiten in uw nieuwe kast”. -</p> -<p>„Hoe? Wat zegt u? Meent ge dat?” -</p> -<p>„Wel natuurlijk!” -</p> -<p>„Maar dat is immers onmogelijk!” -</p> -<p>„Volstrekt niet!” -</p> -<p>„Ik kocht de kast— —” -</p> -<p>„Dat is ons allemaal bekend!” -</p> -<p>„En— —??” -</p> -<p>„Raffles wist het meubel op geslepen wijze in zijn bezit te krijgen en haar door een -schrijnwerker zóó te laten veranderen, dat zij geschikt werd voor het doel.” -</p> -<p>„Zóó— —” -</p> -<p>„Uwe Doorluchtigheid kan zich ervan overtuigen!” -</p> -<p>De beambte had dit alles den vorst verteld met de grootste vriendelijkheid. -</p> -<p>Het draaide den vorst voor de oogen, het duizelde en warrelde hem. -</p> -<p>Door al die plotselinge, zoo geheel onverwachte <span class="pageNum" id="pb26">[<a href="#pb26">26</a>]</span>mededeelingen was hij als ’t ware verbluft, verdoofd, overdonderd. -</p> -<p>Maar toch dacht hij nog zoo helder, dat hij het als een geluk beschouwde, dat het -de politie niet gelukt was, ook zijn geheim te onthullen. -</p> -<p>De beambte scheen althans niet het flauwste vermoeden te hebben. -</p> -<p>Deze vervolgde: -</p> -<p>„Ik ben er inderdaad nieuwsgierig naar om te zien, hoe de dief zich in de kast heeft -kunnen verbergen, zonder dat iemand het bemerkt heeft. Hebt ge niet verteld, dat ge -zelf uwe papieren in de kast hebt gerangschikt?” -</p> -<p>Bill herinnerde zich niet, een dergelijke opmerking te hebben gemaakt, maar hij had -zich voorgenomen op alles maar ja te zeggen en zoo beantwoordde hij deze vraag dan -ook bevestigend. -</p> -<p>De beambte begon nu de kast van alle kanten te doorzoeken. -</p> -<p>Hij klopte, schudde, luisterde, snuffelde, deed alle deuren open, keek in alle kasten, -maar vond niets verdachts. -</p> -<p>Alex werd nu toch ook nieuwsgierig. -</p> -<p>Zou Raffles hem inderdaad de baas zijn geweest? -</p> -<p>Maar hoe meer hij met den politieman zocht, hoe onverklaarbaarder werd hem de heele -zaak. -</p> -<p>Alle drommels! -</p> -<p>Hij verstond het vak toch ook! -</p> -<p>Hier echter reikte zijn kennis te kort. -</p> -<p>Plotseling echter sprong de linkerzijde van de kast los. -</p> -<p>Een van beide onderzoekenden moest het mechanisme hebben aangeraakt. -</p> -<p>Wie het geweest was, kon niet gezegd worden. -</p> -<p>Bill beweerde, dat hij het niet was en de beambte beweerde hetzelfde. -</p> -<p>Het kwam er immers ook niet op aan; het resultaat was toch hetzelfde. -</p> -<p>„O”, zei de politiebeambte met groote bewondering, „dat is inderdaad prachtig. Nu -begrijp ik ook, dat ge het geheim niet hebt kunnen ontdekken. ’t Is inderdaad geniaal -gevonden”. -</p> -<p>Ook de vorst was eveneens vol bewondering en verbazing. -</p> -<p>„Ik begrijp alleen maar niet”, vervolgde de beambte, „hoe een mensch zich in die smalle -ruimte heeft kunnen verbergen. Wat denkt gij er van, Doorluchtigheid? Men zou inderdaad -in de verzoeking komen om eens de proef op de som te nemen”. -</p> -<p>Alex was nieuwsgierig geworden. -</p> -<p>Het interesseerde hem, hoe zijn vakgenoot dat zaakje voor elkander had gebracht. Hij -volgde dan ook zonder aarzeling de uitnoodiging van den beambte, en klom, niet zonder -eenige moeite, in de kast. -<span class="pageNum" id="pb27">[<a href="#pb27">27</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch11" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch11.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">ELFDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">IN DE MUIZENVAL.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Nauwelijks was Grigoriew in de enge ruimte beland of de kast ging dicht. -</p> -<p>Hij kreeg een onbehagelijk gevoel, hoewel hij er nog geen oogenblik aan dacht, dat -hier boos opzet in het spel was. -</p> -<p>Daar werd echter plotseling een klep opengedaan, en voor de opening vertoonde zich -het gelaat van den politiebeambte. -</p> -<p>„Alle duivels, Doorluchtigheid”, sprak deze, „dat ziet er leelijk uit. Ik kan de deur -niet meer open krijgen. Beproeft gij het eens aan den binnenkant. Misschien vindt -gij den sleutel tot de vrijheid weer”. -</p> -<p>Maar Alex vond dien sleutel niet. Hij zat hier in de kast gevangen en kon zich niet -verroeren. -</p> -<p>Zijn ondergeschikten waren al in de dienstbodenkamer opgesloten, en voor de kast stond -de beambte die steeds vreemder ging doen! -</p> -<p>Het koude zweet parelde op het voorhoofd van Zijne Doorluchtigheid. -</p> -<p>Wat moest hij beginnen? -</p> -<p>Het hart bonsde hem in de keel. -</p> -<p>Hij zou niet lang meer in twijfel blijven, dat hij geheel ontmaskerd was. -</p> -<p>De beambte begon: -</p> -<p>„Gij zijt mijn gevangene, Willy Warren. Ik behoef u zeker uw misdaden niet op te sommen. -Gij kent die alle! <span class="corr" id="xd31e1225" title="Bron: zèker">Zéker</span> nog beter dan de politie”. -</p> -<p>Hoe brutaal de oplichter anders ook was, thans verstomde hij. -</p> -<p>Hij dacht een beroerte van kwaadheid te zullen krijgen en hijgde naar adem. Zijn hulpelooze -positie snoerde hem letterlijk de keel toe. -</p> -<p>„En geef u overigens geen moeite om uw onschuld te bewijzen. Uw papieren, die ge zoo -zeker dacht te hebben bewaard zijn alle in handen van de politie. Zij zijn dezen nacht -onder de pendule weggenomen”. -</p> -<p>„Dat kan alleen die schurk, die Raffles gedaan hebben”, siste de man in de kast. -</p> -<p>„Juist, Willy Warren, Raffles heeft het gedaan. Niemand anders zou die overmoedige -daad hebben klaar gespeeld. Maar in een ding hebt ge toch ongelijk: een schurk is -die Raffles niet”. -</p> -<p>„Hij is een schurk”, brulde Warren. „Anders had hij de politie niet in kennis van -de zaak gesteld.” -</p> -<p>„Dat heeft hij niet gedaan, ik zelf ben Raffles!” -</p> -<p>De groote onbekende deed den uniformhoed en zijn pruik af, maar zette beiden dadelijk -weer op zijn hoofd. -</p> -<p>Warren was paf van verbazing. -<span class="pageNum" id="pb28">[<a href="#pb28">28</a>]</span></p> -<p>Hij begreep, dat hij nu geheel was overgeleverd aan de willekeur van den grooten onbekende. -</p> -<p>„Wat wilt ge van mij, Raffles?” siste hij eindelijk tusschen de tanden, terwijl Lord -Lister het pistool ophief en hem vast in de oogen keek. -</p> -<p>„We zullen eens kalm een paar woorden met elkander spreken. We zijn immers collega’s,—al -heb ik ook geen moorden op mijn geweten, zooals jij. Maar dat moet je maar voor jezelf -verantwoorden”. -</p> -<p>„Dat zal ik ook, Raffles!” -</p> -<p>„Luister nu eens, Warren. Ik ben hier gekomen om met je te onderhandelen. Ik wil je -iets verkoopen.” -</p> -<p>„Wat dan?” -</p> -<p>„Je papieren”. -</p> -<p>„Die je mij ontstolen hebt!” schreeuwde de inbreker. -</p> -<p>„Noem het, zooals je wilt, Warren. Er zijn misdaden, die heel wat erger zijn”. -</p> -<p>„En wat verlang je voor die papieren?” -</p> -<p>„Tien millioen francs!” -</p> -<p>„Tien millioen francs? Je bent gek!” -</p> -<p>„Niet zoo gek als jij, als je weigert die som te betalen”. -</p> -<p>„Hoe zoo?” -</p> -<p>„Omdat je dan alles verliest! En ik denk, dat je nog heel wat meer bezit. Want je -waart al een rijk man, voordat je den jongen lord Montefiore hebt uitgeplunderd”. -</p> -<p>„Hoe weet je dat?” -</p> -<p>„Hij heeft het me zelf verteld!” -</p> -<p>„Ken je hem dan?” -</p> -<p>„Zeker. Ik heb hem ontmoet, toen hij op het punt stond, zich op te hangen aan een -der hooge palmen van het park, omdat jij hem geruïneerd hadt”. -</p> -<p>De valsche speler zweeg een oogenblik. Toen sprak hij: -</p> -<p>„Goed, Raffles. Ik ben in je macht, en ik ben dus bereid, je papieren te koopen. Maar -dan moet je ook een menschelijken prijs vragen”. -</p> -<p>„Ik vraag den prijs, dien je lord Montefiore hebt ontstolen met valsch spel.” -</p> -<p>„Montefiore is een uil! Hij verdient niet anders. -</p> -<p>„Dat kan wel zijn. Maar hij is een goede, eerlijke jongen. En jij houdt nog een aardig -sommetje over, als je die tien millioen hebt terugbetaald. Sla je toe?” -</p> -<p>Warren beet zich op de lippen. -</p> -<p>„En als ik het niet doe?” siste hij. -</p> -<p>„Wees niet gek,” vermaande hem Raffles, „en bedenk, dat het voor je eigen bestwil -is. Als jij de tien millioen betaalt, krijg je de papieren terug, en anders stuur -ik je bediende met al de paperassen naar de politie. Stel je eens voor, Willy, wat -zouden die heeren ginds een pret hebben, als ze je hier in die kast zagen zitten.” -</p> -<p>De gevangene rilde. -</p> -<p>Inderdaad! De zaak stond zóó en niet anders. En Raffles gedroeg zich waarachtig nog -fatsoenlijk. Want hij vroeg niets voor zichzelf, en alles voor den jongen lord. -</p> -<p>„Waar zijn de papieren?” vroeg Warren op een heeschen toon. „Heb je ze bij je?” -</p> -<p>„Wat denk je nu van mij? Neen, Warren, ik heb ze goed bewaard!” -</p> -<p>„En wanneer krijg ik ze terug?” -</p> -<p>„Zoo spoedig als de tien millioen in mijn bezit zijn.” -</p> -<p>„’t Is goed!” -</p> -<p>„Dus je neemt het aan?” -</p> -<p>„Ja.” -</p> -<p>„Schrijf dan dadelijk den wissel, want ik vertrouw je precies zoo ver als ik je zie. -Ik zal nu de kast open <span class="pageNum" id="pb29">[<a href="#pb29">29</a>]</span>maken en je er uitlaten. Maar pas op, dat je geen rare dingen gaat doen, want dan -ben je er geweest.” -</p> -<p>„Ik weet, dat ik in je macht ben, Raffles. Als ik van mijn kant er maar zeker van -ben, dat ik de papieren terug krijg.” -</p> -<p>„Je kunt me volkomen vertrouwen, Warren.” -</p> -<p>En Warren gaf het bewijs, dat hij den grooten onbekende volkomen vertrouwde, door -een cheque uit te schrijven van tien millioen francs. -</p> -<p>John Raffles nam glimlachend het papier in ontvangst, en stak het bij zich. -</p> -<p>In hetzelfde oogenblik dreunden slagen tegen de buitendeur. „In naam der wet, doe -open! Het huis is omsingeld. Wee dengene, die zich verzet!” -<span class="pageNum" id="pb30">[<a href="#pb30">30</a>]</span></p> -</div> -</div> -<div id="ch12" class="div1 chapter"><span class="pageNum">[<a href="#ch12.toc">Inhoud</a>]</span><div class="divHead"> -<h2 class="label">TWAALFDE HOOFDSTUK.</h2> -<h2 class="main">EEN ONVERWACHTE GEBEURTENIS.</h2> -</div> -<div class="divBody"> -<p class="first">Beide mannen waren bleek geworden. -</p> -<p>Zij wisten maar al te goed wat het beteekende, als de politie hen op de hielen zat. -</p> -<p>„Verraad,” knarsetandde Warren. -</p> -<p>Woedend vloog hij op Raffles af, en dreigend hief hij een papiersnijder, die hij van -de schrijftafel had afgenomen, in de hoogte. -</p> -<p>Raffles had al heel spoedig zijn tegenwoordigheid van geest teruggekregen. -</p> -<p>„Wees toch verstandig, Warren. Mijn eerewoord, dat ik je niet verraden heb. En de -papieren zijn veilig. Dat verzeker ik je.” -</p> -<p>Deze woorden, met nadruk gesproken, misten hun uitwerking niet. -</p> -<p>„Ik geloof je, Raffles,” sprak hij, „en ik vertrouw ook, dat je me nu zult helpen -en redden.” -</p> -<p>„Als de politie tegen ons is, dan vechten we samen.” -</p> -<p>„Dat is goed! Beveel jij—ik zal gehoorzamen!” -</p> -<p>De oogen van den meester-dief straalden. -</p> -<p>„Vooruit dan, klim vlug in de kast,” beval hij. -</p> -<p>Warren keek hem een oogenblik met wantrouwen aan. -</p> -<p>Daar werd weer op de deur gebeukt. -</p> -<p>„Vooruit,” drong Raffles nog eens aan. -</p> -<p>Warren deed nu, wat hem gezegd werd. -</p> -<p>Raffles sloot de kastdeur, en ging naar de huisdeur. -</p> -<p>Daar stonden vier politie-agenten onder leiding van een inspecteur van de recherche, -en zij waren niet weinig verbaasd, den Italiaanschen politie-beambte hier aan te treffen. -</p> -<p>„Ik zie,” sprak hij, „dat ik onverwachte hulp krijg. Goeden morgen, heeren! Wien zoekt -ge?” -</p> -<p>„Waarschijnlijk denzelfde als gij. Namelijk John Raffles, den beruchten inbreker.” -</p> -<p>„Ja, inderdaad, dien zoek ik ook.” -</p> -<p>„Mag ik weten, met wien ik het genoegen heb?” vroeg de Fransche inspecteur. -</p> -<p>„Zeker, mijn naam is Bassignole, uit San Remo. Ik ben zoo juist te Cannes aangekomen, -want wij kregen bericht, dat Raffles zich verscholen hield in de villa van vorst Alex -Grigoriew in de Avenue Gambetta. Maar kom toch binnen, heeren!” -</p> -<p>De Fransche politiemannen gingen binnen, en Raffles sloot de deur, waarna hij de sleutels -bij zich stak. -</p> -<p>Thans vervolgde hij: -</p> -<p>„Ik ben per automobiel haar hier gegaan, om den vogel te knippen. Maar hij is, helaas, -reeds gevlogen.” -</p> -<p>De Franschen keken teleurgesteld. -</p> -<p>„Hebt ge den eigenaar van de villa reeds gesproken?” -</p> -<p>„Vorst Grigoriew?” -</p> -<p>„O zeker, hij is een kwartier geleden de deur uitgegaan, om eenige zaken af te wikkelen.” -</p> -<p>Op fluistertoon vroeg de inspecteur den meester-dief: <span class="pageNum" id="pb31">[<a href="#pb31">31</a>]</span>„Zoudt gij denken, dat vorst Grigoriew met dien Raffles onder één hoedje speelt?” -</p> -<p>„Geen kwestie van,” antwoordde John met volle overtuiging. -</p> -<p>„Er zijn lieden, die dergelijke vermoedens uitspreken.” -</p> -<p>„Dat zijn praatjes, louter praatjes. De vorst is een speler, maar dat zijn alle Russen.” -</p> -<p>„Ge hebt gelijk, dat dacht ik ook al.<span class="corr" id="xd31e1337" title="Niet in bron">”</span> -</p> -<p>„Maar hebt ge al eens rondgekeken in huis, of de inbreker zich ergens verborgen heeft?” -</p> -<p>„Ja, ik heb al wat rondgekeken, en de dienstboden op een kamer opgesloten.” -</p> -<p>„Waarom dat?” -</p> -<p>„Opdat die lieden Raffles niet in zijn vlucht zouden kunnen helpen. Die meester-dief -verstaat namelijk uitstekend de kunst om de ondergeschikten altijd op zijn hand te -krijgen.” -</p> -<p>„Ge hebt heel verstandig gehandeld, meneer Bassignole.” -</p> -<p>„Dank u.” -</p> -<p>„Denkt ge, dat Raffles hier in huis is?” -</p> -<p>Lord Lister haalde de schouders op. -</p> -<p>„Ik zou het u inderdaad niet kunnen zeggen.” -</p> -<p>„Hebt ge dan nergens een spoor van hem gevonden?” -</p> -<p>„Niet het minste, maar ik heb ook nog niet al te nauwkeurig het huis doorzocht, want -ik wilde juist naar het politiebureau telefoneeren. Nu is dat echter niet meer noodig, -daar wij met behulp van uwe manschappen alles kunnen doorzoeken.” -</p> -<p>„Zeker, dat zullen we.” -</p> -<p>„De vorst verzocht mij, om zijn eigendommen te willen ontzien.” -</p> -<p>„Dat is niet meer dan natuurlijk.” -</p> -<p>Willy Warren, die in de ouderwetsche kast eerst duizend vreezen had uitgestaan, was -langzamerhand kalmer geworden. -</p> -<p>Nu bewonderde hij in stilte de handigheid van den genialen Raffles, die inderdaad -meesterlijk de kunst verstond om de zaakjes te plooien. -</p> -<p>Doordat Raffles aanbood het huis te doorzoeken, verviel natuurlijk elke achterdocht, -dat de vorst en de inbreker onder één hoedje <span class="corr" id="xd31e1358" title="Bron: speelde">speelden</span>. -</p> -<p>De politie ging zoeken. -</p> -<p>Niets werd echter gevonden, hoewel alles <span class="corr" id="xd31e1365" title="Bron: onderstboven">ondersteboven</span> werd gehaald. -</p> -<p>Men begon met de slaapkamer, volgden de kleed-, billard-, muziek-, eet-, rook-, bibliotheek-, -bad- en andere kamers. Volgden de salons en logeerkamers, de meiden- en provisiekamers, -de zolders, kelders, en alles, wat bij de villa behoorde. -</p> -<p>Maar nergens werd een spoor van Raffles gevonden. De dienstboden zwoeren, dat zij -hoegenaamd <i>niets</i> verdachts hadden bespeurd. -</p> -<p>De middag was allang voorbij, toen men eindelijk het vergeefsche zoeken moede was. -</p> -<p>„Wacht even, collega”, sprak Raffles tot den inspecteur, toen men op de eerste verdieping -nog bezig was, „ik hoor daar den heer des huizes thuiskomen. Ik zal hem even gaan -opendoen, daar ik, zooals ge weet, de voordeur heb afgesloten.” -</p> -<p>De inspecteur koesterde geen achterdocht. -</p> -<p>De meester-dief echter ging niet naar de voordeur, maar naar de studeerkamer, om den -ongeduldigen Bill uit zijn gevangenis te bevrijden. -</p> -<p>In weinig woorden vertelde hij hem alles, wat was voorgevallen en sprak toen: -</p> -<p>„Kleed je vlug, Warren, en zet den hoogen hoed op, alsof je van de wandeling thuis -kwaamt. Kom dan <span class="pageNum" id="pb32">[<a href="#pb32">32</a>]</span>boven en ga goed te keer op Raffles. Zweer den inspecteur, dat je den dief een kogel -door het hoofd zult jagen, als je hem ontmoet.” -</p> -<p>Willy Warren was dadelijk in zijn rol. -</p> -<p>Hij vond den inspecteur danig teleurgesteld, daar al het zoeken geen resultaat had -opgeleverd. -</p> -<p>„Laat ons dan naar het politie-bureau gaan”, stelde Raffles voor, „ik wil graag kennis -maken met den commissaris. Misschien zijn er ook weer nieuwe berichten binnengekomen.” -</p> -<p>De inspecteur vond het goed. -</p> -<p>Men nam afscheid van den vorst en verliet de fraaie villa. -</p> -<p>Toen Raffles met de politie-mannen op straat kwam, zag hij een matroos van de Fransche -marine op en neer loopen. -</p> -<p>Het was Charly Brand. -</p> -<p>„Pardon, heeren”, sprak Raffles, „daar zie ik den ordonnans van mijn vriend Camille -Crébillon, den zee-officier. Sta mij toe, dat ik hem een korte opdracht geef voor -zijn heer, dien ik vanavond zou willen bezoeken.” -</p> -<p>„Ga gerust uw gang.” -</p> -<p>„Ge kunt vooruitgaan, inspecteur. Ik volg dadelijk.” -</p> -<p>De inspecteur groette en ging verder. -</p> -<p>Raffles vloog naar Brand. -</p> -<p>„Wel? Wat is er? Waar heb je gezeten?” -</p> -<p>„Stil! De politie is ons op de hielen. Ga mee, naar het strand. Daar ligt een bark -klaar. Ik heb het schip gehuurd voor een reis naar Sainte-Marguerite. We zeilen dadelijk -weg.” -</p> -<p>„En onze effecten? Ons geld?” -</p> -<p>„Is allemaal al aan boord van het schip. Ik heb juist de hotelrekening betaald, opdat -lord Lister niet den naam van oplichter zal krijgen.” -</p> -<p>„Je schijnt alles héél slim te hebben overlegd. Misschien ben je toch wel verstandiger, -dan ik dacht, beste jongen.” -</p> -<p>Na enkele oogenblikken hadden de beide vrienden het strand bereikt en het schip beklommen. -</p> -<p>Het vaartuig stiet van wal, nog voordat de inspecteur van politie het bureau had bereikt. -</p> -<p>„Hebben wij proviand aan boord?” vroeg Raffles. -</p> -<p>„Alles wat je maar verlangt.” -</p> -<p>„Dan zullen we het er eens heerlijk van nemen, ik heb namelijk vreeselijken honger.” -</p> -<p>„Ga mee in de kajuit, de tafel is gedekt!” -</p> -<p>„Prachtig, Charly! Je bent een beste kerel!” zei Raffles. -</p> -<p>Hij bond zich het servet onder de kin en begon, zoo kalm mogelijk, te eten, terwijl -de bark met haar witte, schitterende zeilen de blauwe golven van de Middellandsche -Zee kliefde—de vrijheid tegemoet. -</p> -</div> -</div> -</div> -<div class="back"> -<div class="div1 notice"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first">Het volgende deel (nummer 8) zal bevatten: -</p> -<p class="xd31e1413">In de catacomben van Parijs. -<span class="pageNum" id="pb33">[<a href="#pb33">33</a>]</span> -</p> -</div> -</div> -<div class="div1 cover"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first underline xd31e1418">Belooning: 1000 pond sterling. -</p> -<div class="table"> -<table class="tbl.wanted.header"> -<tr> -<td class="xd31e1421 cellLeft cellTop xd31e1425">Wie kent hem? -</td> -<td rowspan="2" class="rowspan xd31e1422 cellTop cellBottom"> -<div class="figure lordlisterwidth"><img src="images/lordlister.png" alt="Portret van Lord Lister." width="307" height="404"></div> -</td> -<td class="xd31e1421 cellRight cellTop xd31e1425">Wie heeft hem gezien? -</td> -</tr> -<tr> -<td class="xd31e1421 cellLeft cellBottom">Dat vraagt men in Scotland Yard! -</td> -<td class="xd31e1421 cellRight cellBottom">Dat vraagt heel Londen!</td> -</tr> -</table> -</div><p> -</p> -<p class="xd31e1440">Lord Lister <span class="underline xd31e1442">genaamd</span> John C. Raffles, <span class="xd31e1445">de geniaalste aller dieven</span> -</p> -<p class="xd31e1448">brengt alle gemoederen in beweging, is de schrik van woekeraars en geldschieters; -ontrooft hun door zijn listen hunne bezittingen, waarmede hij belaagde onschuld beschermt -en behoeftigen ondersteunt. -</p> -<p class="xd31e1450">Man van eer in alle opzichten -</p> -<p class="xd31e1448">spant hij wet en gerecht menigen strik en heeft steeds de voorvechters van edele levensbeschouwing -op zijn hand, nl. allen, die ervan overtuigd zijn, dat: -</p> -<p class="xd31e1454">Ongestraft veel misstanden, door de wet beschermd, blijven voortwoekeren. -</p> -<p class="xd31e1448">Men leze, hoe alles in het werk wordt gesteld, <b>Lord Lister</b>, genaamd <b>John C. Raffles</b>, den geniaalsten aller dieven, te vatten! -</p> -<div lang="en" class="div2 section warrant.en"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><table class="alignedtext"> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p class="first">WARRANT OF ARREST. -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p class="first"><span class="underline">Vertaling</span>:<br> -Bevel tot aanhouding. -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p>Be it known unto all men by these presents that we hereby charge and warrant the apprehension -of the man described as under: -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p>Wij verzoeken de aanhouding van den man, wiens beschrijving hier volgt: -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p>DESCRIPTION: -</p> -<div class="table"> -<table> -<tr> -<td class="cellLeft cellTop"><span class="ex">Name</span>: </td> -<td class="cellRight cellTop">Lord Edward Lister, alias John C. <span class="corr" id="xd31e1479" title="Bron: Sinclair">Raffles</span>. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Age</span>: </td> -<td class="cellRight">32 to 35 years. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Height</span>: </td> -<td class="cellRight">5 feet nine inches. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Weight</span>: </td> -<td class="cellRight">176 pounds. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Figure</span>: </td> -<td class="cellRight">Tall. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Complexion</span>: </td> -<td class="cellRight">Dark. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Hair</span>: </td> -<td class="cellRight">Black. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Beard</span>: </td> -<td class="cellRight">A slight moustache. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Eyes</span>: </td> -<td class="cellRight">Black. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft cellBottom"><span class="ex">Language</span>: </td> -<td class="cellRight cellBottom">English, French, German, Russian, etc.</td> -</tr> -</table> -</div><p> -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p>Beschrijving: -</p> -<div class="table"> -<table> -<tr> -<td class="cellLeft cellTop"><span class="ex">Naam</span>: </td> -<td class="cellRight cellTop">Lord Edward Lister, genaamd John C<span class="corr" id="xd31e1591" title="Niet in bron">.</span> Raffles. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Leeftijd</span>: </td> -<td class="cellRight">32–35 jaar. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Lengte</span>: </td> -<td class="cellRight">ongeveer 1,76 meter. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Gewicht</span>: </td> -<td class="cellRight">80 kilo. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Gestalte</span>: </td> -<td class="cellRight">slank. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Gelaatskleur</span>: </td> -<td class="cellRight">donker. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Haar</span>: </td> -<td class="cellRight">zwart. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Baardgroei</span>: </td> -<td class="cellRight">kleine snor. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft"><span class="ex">Oogen</span>: </td> -<td class="cellRight">zwart. -</td> -</tr> -<tr> -<td class="cellLeft cellBottom"><span class="ex">Spreekt</span> </td> -<td class="cellRight cellBottom">Engelsch, Fransch, Duitsch, Russisch enz. enz.</td> -</tr> -</table> -</div><p> -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p><span class="ex">Special notes</span>: The man poses as a gentleman of great distinction. Adopts a new role every other -day. Wears an eyeglass. Always accompanied by a young man—name unknown. -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p><span class="ex">Bijzondere kenteekenen</span>: Het optreden van den man kenmerkt zich door bijzonder goede manieren. Telkens een -ander uiterlijk. Draagt een monocle. Is in gezelschap van een jongeman, wiens naam -onbekend. -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p>Charged with robbery. -</p> -<p>A reward of 1000 pounds sterling will be paid for the arrest of this man. -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p>Moet worden aangehouden als dief. Voor zijn aanhouding betalen wij een prijs van 1000 -pond sterling. -</p> -</td> -</tr> -<tr> -<td class="first" lang="en"> -<p>Headquarters—Scotland Yard. -</p> -<p class="dateline"><span class="ex">London</span>, 1<sup>st</sup> October 1908. -</p> -<p class="signed"><b>Police Inspector</b>,<br> -<span class="ex">Horny.</span> -</p> -</td> -<td class="second" lang="nl"> -<p><b><i>Het Hoofdbureau van Politie Scotland-Yard.</i></b> -</p> -<p class="dateline"><span class="ex">Londen</span>, 1. Oktober 1908. -</p> -<p class="signed"><b><span class="corr" id="xd31e1673" title="Bron: Inspekteur">Inspecteur</span> van Politie</b><br> -(get.) <span class="ex">Horny</span>. -</p> -</td> -</tr> -</table> -</div> -</div> -</div> -<div class="div1 imprint"><span class="pageNum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span><div class="divBody"> -<p class="first xd31e1682">Roman-Boekhandel <span class="xd31e1684">voorheen</span> A. Eichler -</p> -<p class="xd31e95">Singel 236—Amsterdam. -</p> -</div> -</div> -<div class="div1" id="toc"> -<h2 class="main">Inhoudsopgave</h2> -<table summary="Inhoudsopgave"> -<tr id="ch1.toc"> -<td class="tocDivNum">I. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch1">EEN OFFER VAN DE SPEELHOLEN.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch1">1</a></td> -</tr> -<tr id="ch2.toc"> -<td class="tocDivNum">II. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch2">VAN DEN DOOD GERED.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch2">4</a></td> -</tr> -<tr id="ch3.toc"> -<td class="tocDivNum">III. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch3">DE LIJDENSGESCHIEDENIS VAN EEN ZELFMOORDENAAR.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch3">6</a></td> -</tr> -<tr id="ch4.toc"> -<td class="tocDivNum">IV. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch4">VORST OF OPLICHTER?</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch4">9</a></td> -</tr> -<tr id="ch5.toc"> -<td class="tocDivNum">V. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch5">EEN NOODLOTTIGE BRIEF.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch5">12</a></td> -</tr> -<tr id="ch6.toc"> -<td class="tocDivNum">VI. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch6">„DIAMANTEN-BILL”.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch6">15</a></td> -</tr> -<tr id="ch7.toc"> -<td class="tocDivNum">VII. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch7">TWEE CONCURRENTEN</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch7">17</a></td> -</tr> -<tr id="ch8.toc"> -<td class="tocDivNum">VIII. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch8">EEN GEHEIMZINNIGE KAST.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch8">19</a></td> -</tr> -<tr id="ch9.toc"> -<td class="tocDivNum">IX. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch9">IN HET VIJANDELIJKE KAMP.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch9">22</a></td> -</tr> -<tr id="ch10.toc"> -<td class="tocDivNum">X. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch10">ONGEWENSCHT BEZOEK.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch10">24</a></td> -</tr> -<tr id="ch11.toc"> -<td class="tocDivNum">XI. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch11">IN DE MUIZENVAL.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch11">27</a></td> -</tr> -<tr id="ch12.toc"> -<td class="tocDivNum">XII. </td> -<td class="tocDivTitle" colspan="8"><a href="#ch12">EEN ONVERWACHTE GEBEURTENIS.</a></td> -<td class="tocPageNum"><a class="pageref" href="#ch12">30</a></td> -</tr> -</table> -</div> -<div class="transcriberNote"> -<h2 class="main">Colofon</h2> -<h3 class="main">Beschikbaarheid</h3> -<p class="first">Dit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen -van welke soort dan ook. U mag het kopiëren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden -van de Project Gutenberg Licentie in dit eBoek of on-line op <a class="seclink xd31e41" title="Externe link" href="https://www.gutenberg.org/">www.gutenberg.org</a>. -</p> -<p>Dit eBoek is geproduceerd door het on-line gedistribueerd correctieteam op <a class="seclink xd31e41" title="Externe link" href="https://www.pgdp.net/">www.pgdp.net</a>. -</p> -<h3 class="main">Metadata</h3> -<table class="colophonMetadata" summary="Metadata"> -<tr> -<td><b>Titel:</b></td> -<td>Lord Lister No. 7: De speelvorst van Monaco</td> -<td></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Auteur:</b></td> -<td>Theo von Blankensee [Pseudoniem van Mathias Blank (1881–1928)]</td> -<td><a href="https://viaf.org/viaf/8133268/" class="seclink">Info</a></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Auteur:</b></td> -<td>Kurt Matull (1872–1930?)</td> -<td><a href="https://viaf.org/viaf/56770919/" class="seclink">Info</a></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Taal:</b></td> -<td>Nederlands (Spelling De Vries-Te Winkel)</td> -<td></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Oorspronkelijke uitgiftedatum:</b></td> -<td>[1910]</td> -<td></td> -</tr> -<tr> -<td><b>Trefwoorden:</b></td> -<td>Detective and mystery stories -- Periodicals</td> -<td></td> -</tr> -<tr> -<td><b></b></td> -<td>Dime novels -- Periodicals</td> -<td></td> -</tr> -</table> -<h3 class="main">Codering</h3> -<p class="first">Dit boek is weergegeven in oorspronkelijke schrijfwijze. Afgebroken woorden aan het -einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel -zijn verbeterd. Deze verbeteringen zijn aangegeven in de colofon aan het einde van -dit boek.</p> -<h3 class="main">Documentgeschiedenis</h3> -<ul> -<li>2021-11-18 Begonnen. -</li> -</ul> -<h3 class="main">Externe Referenties</h3> -<p>Dit Project Gutenberg eBoek bevat externe referenties. Het kan zijn dat deze links -voor u niet werken.</p> -<h3 class="main">Verbeteringen</h3> -<p>De volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:</p> -<table class="correctionTable" summary="Overzicht van verbeteringen aangebracht in de tekst."> -<tr> -<th>Bladzijde</th> -<th>Bron</th> -<th>Verbetering</th> -<th>Bewerkingsafstand</th> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e118">1</a>, <a class="pageref" href="#xd31e463">10</a>, <a class="pageref" href="#xd31e871">20</a>, <a class="pageref" href="#xd31e930">21</a>, <a class="pageref" href="#xd31e936">21</a>, <a class="pageref" href="#xd31e1337">31</a></td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Niet in bron</i>] -</td> -<td class="width40 bottom">”</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e151">2</a></td> -<td class="width40 bottom">kaktissen</td> -<td class="width40 bottom">kaktussen</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e368">8</a></td> -<td class="width40 bottom">schelt</td> -<td class="width40 bottom">scheldt</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e373">8</a></td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Niet in bron</i>] -</td> -<td class="width40 bottom"> om</td> -<td class="bottom">3</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e389">8</a></td> -<td class="width40 bottom">:</td> -<td class="width40 bottom">.”</td> -<td class="bottom">2</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e481">11</a></td> -<td class="width40 bottom">geluid</td> -<td class="width40 bottom">geleid</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e599">13</a>, <a class="pageref" href="#xd31e686">15</a></td> -<td class="width40 bottom">”.</td> -<td class="width40 bottom">.”</td> -<td class="bottom">2</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e629">14</a></td> -<td class="width40 bottom">glunder lachende</td> -<td class="width40 bottom">glunderlachende</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e680">15</a></td> -<td class="width40 bottom">Gregoriew</td> -<td class="width40 bottom">Grigoriew</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e877">20</a></td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Niet in bron</i>] -</td> -<td class="width40 bottom">„</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e977">22</a></td> -<td class="width40 bottom">dit</td> -<td class="width40 bottom">dat</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1137">25</a></td> -<td class="width40 bottom">!</td> -<td class="width40 bottom">?</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1146">25</a></td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Niet in bron</i>] -</td> -<td class="width40 bottom">,</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1154">25</a></td> -<td class="width40 bottom">vrijwilig</td> -<td class="width40 bottom">vrijwillig</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1225">27</a></td> -<td class="width40 bottom">zèker</td> -<td class="width40 bottom">Zéker</td> -<td class="bottom">2 / 1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1358">31</a></td> -<td class="width40 bottom">speelde</td> -<td class="width40 bottom">speelden</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1365">31</a></td> -<td class="width40 bottom">onderstboven</td> -<td class="width40 bottom">ondersteboven</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1479">33</a></td> -<td class="width40 bottom">Sinclair</td> -<td class="width40 bottom">Raffles</td> -<td class="bottom">7</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1591">33</a></td> -<td class="width40 bottom"> -[<i>Niet in bron</i>] -</td> -<td class="width40 bottom">.</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -<tr> -<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd31e1673">33</a></td> -<td class="width40 bottom">Inspekteur</td> -<td class="width40 bottom">Inspecteur</td> -<td class="bottom">1</td> -</tr> -</table> -</div> -</div> -<div style='display:block; margin-top:4em'>*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK LORD LISTER NO. 7: DE SPEELVORST VAN MONACO ***</div> -<div style='text-align:left'> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Updated editions will replace the previous one—the old editions will -be renamed. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright -law means that no one owns a United States copyright in these works, -so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the United -States without permission and without paying copyright -royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part -of this license, apply to copying and distributing Project -Gutenberg™ electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG™ -concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark, -and may not be used if you charge for an eBook, except by following -the terms of the trademark license, including paying royalties for use -of the Project Gutenberg trademark. If you do not charge anything for -copies of this eBook, complying with the trademark license is very -easy. You may use this eBook for nearly any purpose such as creation -of derivative works, reports, performances and research. Project -Gutenberg eBooks may be modified and printed and given away--you may -do practically ANYTHING in the United States with eBooks not protected -by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the trademark -license, especially commercial redistribution. -</div> - -<div style='margin:0.83em 0; font-size:1.1em; text-align:center'>START: FULL LICENSE<br> -<span style='font-size:smaller'>THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE<br> -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK</span> -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -To protect the Project Gutenberg™ mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase “Project -Gutenberg”), you agree to comply with all the terms of the Full -Project Gutenberg™ License available with this file or online at -www.gutenberg.org/license. -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg™ electronic works -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg™ -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or -destroy all copies of Project Gutenberg™ electronic works in your -possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a -Project Gutenberg™ electronic work and you do not agree to be bound -by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the person -or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.B. “Project Gutenberg” is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg™ electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg™ electronic works if you follow the terms of this -agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg™ -electronic works. See paragraph 1.E below. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation (“the -Foundation” or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection -of Project Gutenberg™ electronic works. Nearly all the individual -works in the collection are in the public domain in the United -States. If an individual work is unprotected by copyright law in the -United States and you are located in the United States, we do not -claim a right to prevent you from copying, distributing, performing, -displaying or creating derivative works based on the work as long as -all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope -that you will support the Project Gutenberg™ mission of promoting -free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg™ -works in compliance with the terms of this agreement for keeping the -Project Gutenberg™ name associated with the work. You can easily -comply with the terms of this agreement by keeping this work in the -same format with its attached full Project Gutenberg™ License when -you share it without charge with others. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are -in a constant state of change. If you are outside the United States, -check the laws of your country in addition to the terms of this -agreement before downloading, copying, displaying, performing, -distributing or creating derivative works based on this work or any -other Project Gutenberg™ work. The Foundation makes no -representations concerning the copyright status of any work in any -country other than the United States. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other -immediate access to, the full Project Gutenberg™ License must appear -prominently whenever any copy of a Project Gutenberg™ work (any work -on which the phrase “Project Gutenberg” appears, or with which the -phrase “Project Gutenberg” is associated) is accessed, displayed, -performed, viewed, copied or distributed: -</div> - -<blockquote> - <div style='display:block; margin:1em 0'> - This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and most - other parts of the world at no cost and with almost no restrictions - whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms - of the Project Gutenberg License included with this eBook or online - at <a href="https://www.gutenberg.org">www.gutenberg.org</a>. If you - are not located in the United States, you will have to check the laws - of the country where you are located before using this eBook. - </div> -</blockquote> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.2. If an individual Project Gutenberg™ electronic work is -derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not -contain a notice indicating that it is posted with permission of the -copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in -the United States without paying any fees or charges. If you are -redistributing or providing access to a work with the phrase “Project -Gutenberg” associated with or appearing on the work, you must comply -either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or -obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg™ -trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.3. If an individual Project Gutenberg™ electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any -additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms -will be linked to the Project Gutenberg™ License for all works -posted with the permission of the copyright holder found at the -beginning of this work. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg™ -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg™. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg™ License. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including -any word processing or hypertext form. However, if you provide access -to or distribute copies of a Project Gutenberg™ work in a format -other than “Plain Vanilla ASCII” or other format used in the official -version posted on the official Project Gutenberg™ website -(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense -to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means -of obtaining a copy upon request, of the work in its original “Plain -Vanilla ASCII” or other form. Any alternate format must include the -full Project Gutenberg™ License as specified in paragraph 1.E.1. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg™ works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg™ electronic works -provided that: -</div> - -<div style='margin-left:0.7em;'> - <div style='text-indent:-0.7em'> - • You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg™ works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed - to the owner of the Project Gutenberg™ trademark, but he has - agreed to donate royalties under this paragraph to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid - within 60 days following each date on which you prepare (or are - legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty - payments should be clearly marked as such and sent to the Project - Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in - Section 4, “Information about donations to the Project Gutenberg - Literary Archive Foundation.” - </div> - - <div style='text-indent:-0.7em'> - • You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg™ - License. You must require such a user to return or destroy all - copies of the works possessed in a physical medium and discontinue - all use of and all access to other copies of Project Gutenberg™ - works. - </div> - - <div style='text-indent:-0.7em'> - • You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of - any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days of - receipt of the work. - </div> - - <div style='text-indent:-0.7em'> - • You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg™ works. - </div> -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project -Gutenberg™ electronic work or group of works on different terms than -are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing -from the Project Gutenberg Literary Archive Foundation, the manager of -the Project Gutenberg™ trademark. Contact the Foundation as set -forth in Section 3 below. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -works not protected by U.S. copyright law in creating the Project -Gutenberg™ collection. Despite these efforts, Project Gutenberg™ -electronic works, and the medium on which they may be stored, may -contain “Defects,” such as, but not limited to, incomplete, inaccurate -or corrupt data, transcription errors, a copyright or other -intellectual property infringement, a defective or damaged disk or -other medium, a computer virus, or computer codes that damage or -cannot be read by your equipment. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the “Right -of Replacement or Refund” described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg™ trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg™ electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium -with your written explanation. The person or entity that provided you -with the defective work may elect to provide a replacement copy in -lieu of a refund. If you received the work electronically, the person -or entity providing it to you may choose to give you a second -opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If -the second copy is also defective, you may demand a refund in writing -without further opportunities to fix the problem. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you ‘AS-IS’, WITH NO -OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT -LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of -damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement -violates the law of the state applicable to this agreement, the -agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or -limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or -unenforceability of any provision of this agreement shall not void the -remaining provisions. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg™ electronic works in -accordance with this agreement, and any volunteers associated with the -production, promotion and distribution of Project Gutenberg™ -electronic works, harmless from all liability, costs and expenses, -including legal fees, that arise directly or indirectly from any of -the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this -or any Project Gutenberg™ work, (b) alteration, modification, or -additions or deletions to any Project Gutenberg™ work, and (c) any -Defect you cause. -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg™ -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Project Gutenberg™ is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of -computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It -exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations -from people in all walks of life. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg™’s -goals and ensuring that the Project Gutenberg™ collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg™ and future -generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see -Sections 3 and 4 and the Foundation information page at www.gutenberg.org. -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non-profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation’s EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by -U.S. federal laws and your state’s laws. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -The Foundation’s business office is located at 809 North 1500 West, -Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up -to date contact information can be found at the Foundation’s website -and official page at www.gutenberg.org/contact -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Project Gutenberg™ depends upon and cannot survive without widespread -public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine-readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To SEND -DONATIONS or determine the status of compliance for any particular state -visit <a href="https://www.gutenberg.org/donate/">www.gutenberg.org/donate</a>. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Please check the Project Gutenberg web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. To -donate, please visit: www.gutenberg.org/donate -</div> - -<div style='display:block; font-size:1.1em; margin:1em 0; font-weight:bold'> -Section 5. General Information About Project Gutenberg™ electronic works -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Professor Michael S. Hart was the originator of the Project -Gutenberg™ concept of a library of electronic works that could be -freely shared with anyone. For forty years, he produced and -distributed Project Gutenberg™ eBooks with only a loose network of -volunteer support. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Project Gutenberg™ eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in -the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not -necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper -edition. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -Most people start at our website which has the main PG search -facility: <a href="https://www.gutenberg.org">www.gutenberg.org</a>. -</div> - -<div style='display:block; margin:1em 0'> -This website includes information about Project Gutenberg™, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. -</div> - -</div> diff --git a/old/66784-h/images/lordlister.png b/old/66784-h/images/lordlister.png Binary files differdeleted file mode 100644 index e9e45f1..0000000 --- a/old/66784-h/images/lordlister.png +++ /dev/null diff --git a/old/66784-h/images/lordlister0007-front.jpg b/old/66784-h/images/lordlister0007-front.jpg Binary files differdeleted file mode 100644 index bee68a3..0000000 --- a/old/66784-h/images/lordlister0007-front.jpg +++ /dev/null diff --git a/old/66784-h/images/p0007-01.png b/old/66784-h/images/p0007-01.png Binary files differdeleted file mode 100644 index 0a48c93..0000000 --- a/old/66784-h/images/p0007-01.png +++ /dev/null |
