summaryrefslogtreecommitdiff
diff options
context:
space:
mode:
authornfenwick <nfenwick@pglaf.org>2025-02-07 17:29:47 -0800
committernfenwick <nfenwick@pglaf.org>2025-02-07 17:29:47 -0800
commit70cc7e47a5dda1a70890ae04c5ab8bdc2e061c26 (patch)
treeda069525370fa72b20658725b1bf97450c994092
parent4c0c4b851db34b90459569f10b0e4011ce34a8d6 (diff)
NormalizeHEADmain
-rw-r--r--.gitattributes4
-rw-r--r--LICENSE.txt11
-rw-r--r--README.md2
-rw-r--r--old/55794-0.txt7040
-rw-r--r--old/55794-0.zipbin123130 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h.zipbin1825348 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/55794-h.htm7367
-rw-r--r--old/55794-h/images/back.jpgbin17129 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/cover.jpgbin44890 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/frontispiece.jpgbin99801 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o013.pngbin739 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o023.pngbin338 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o048.pngbin850 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o095.pngbin1760 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o130.pngbin1866 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o137.pngbin830 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o186.pngbin812 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o201.pngbin800 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o213.pngbin590 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/o286.pngbin258 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/ornament-bottom.pngbin1805 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/ornament-top.pngbin1819 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/ornaments.pngbin11074 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p001.jpgbin50310 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p014.jpgbin45235 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p024.jpgbin50601 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p049.jpgbin63586 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p070.jpgbin100932 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p074.jpgbin53958 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p082.jpgbin50102 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p096.jpgbin55299 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p119.jpgbin56971 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p131.jpgbin53735 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p138.jpgbin54825 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p159.jpgbin53731 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p172.jpgbin50891 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p187.jpgbin51253 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p202.jpgbin59408 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p214.jpgbin70314 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p230.jpgbin66458 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p242.jpgbin59348 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p254.jpgbin53040 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p272.jpgbin59867 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p286.jpgbin54841 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p290.jpgbin106525 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p295.jpgbin48892 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/p303.jpgbin66931 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/spine.jpgbin15668 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/55794-h/images/titlepage.jpgbin43423 -> 0 bytes
-rw-r--r--old/old/55794-8.txt7041
-rw-r--r--old/old/55794-8.zipbin123009 -> 0 bytes
51 files changed, 17 insertions, 21448 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes
new file mode 100644
index 0000000..d7b82bc
--- /dev/null
+++ b/.gitattributes
@@ -0,0 +1,4 @@
+*.txt text eol=lf
+*.htm text eol=lf
+*.html text eol=lf
+*.md text eol=lf
diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt
new file mode 100644
index 0000000..6312041
--- /dev/null
+++ b/LICENSE.txt
@@ -0,0 +1,11 @@
+This eBook, including all associated images, markup, improvements,
+metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be
+in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES.
+
+Procedures for determining public domain status are described in
+the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org.
+
+No investigation has been made concerning possible copyrights in
+jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize
+this eBook outside of the United States should confirm copyright
+status under the laws that apply to them.
diff --git a/README.md b/README.md
new file mode 100644
index 0000000..21cbe9c
--- /dev/null
+++ b/README.md
@@ -0,0 +1,2 @@
+Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for
+eBook #55794 (https://www.gutenberg.org/ebooks/55794)
diff --git a/old/55794-0.txt b/old/55794-0.txt
deleted file mode 100644
index 77ae889..0000000
--- a/old/55794-0.txt
+++ /dev/null
@@ -1,7040 +0,0 @@
-The Project Gutenberg EBook of Zeven kleine Australiërs, by Ethel Turner
-
-This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and most
-other parts of the world at no cost and with almost no restrictions
-whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of
-the Project Gutenberg License included with this eBook or online at
-www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you'll have
-to check the laws of the country where you are located before using this ebook.
-
-Title: Zeven kleine Australiërs
-
-Author: Ethel Turner
-
-Illustrator: A. J. Johnson
-
-Translator: Marie ten Brink
-
-Release Date: October 22, 2017 [EBook #55794]
-
-Language: Dutch
-
-Character set encoding: UTF-8
-
-*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ZEVEN KLEINE AUSTRALIËRS ***
-
-
-
-
-Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
-Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project
-Gutenberg.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
- ETHEL TURNER
-
- ZEVEN KLEINE AUSTRALIËRS
-
- Naar den 3en druk uit het Engelsch bewerkt
-
- DOOR
-
- MARIE TEN BRINK
-
- Geïllustreerd door A. J. Johnson
-
-
-
- GOUDA
-
- G. B. van GOOR ZONEN
-
-
-
-
-
-
-
-
-
- AAN
-
- MIJNE MOEDER.
-
-
- E. S. Turner,
- Lindfield, Sydney.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-INHOUD.
-
-
- Bladz.
-
- EEN WOORD VOORAF XI
-
- HOOFDSTUK I.
-
- HOOFDZAKELIJK BESCHRIJVEND 1
-
- HOOFDSTUK II.
-
- GEBRADEN KIP 14
-
- HOOFDSTUK III.
-
- DE DEUGD WORDT NIET ALTIJD BELOOND 24
-
- HOOFDSTUK IV.
-
- DE GENERAAL IN DE KAZERNE 49
-
- HOOFDSTUK V.
-
- AANSTAANDEN MAANDAGMORGEN 72
-
- HOOFDSTUK VI.
-
- HOE SCHOON IS DE LEEFTIJD VAN ZESTIEN JAAR! 82
-
- HOOFDSTUK VII.
-
- "WAT ZEGT GE VAN EEN VERLIEFD HART?" 96
-
- HOOFDSTUK VIII.
-
- EEN CATAPULT EN EENE CATASTROPHE 119
-
- HOOFDSTUK IX.
-
- GEVOLGEN 131
-
- HOOFDSTUK X.
-
- BUNBY ALS HELD 138
-
- HOOFDSTUK XI.
-
- EENE VLUCHTELING 159
-
- HOOFDSTUK XII.
-
- ZWIEP, ZWIEP! 172
-
- HOOFDSTUK XIII.
-
- ONGENOODE GASTEN 187
-
- HOOFDSTUK XIV.
-
- DE UITNOODIGING VAN DEN SQUATTER 202
-
- HOOFDSTUK XV.
-
- DRIEHONDERD MIJLEN IN DEN TREIN 214
-
- HOOFDSTUK XVI.
-
- YARRAHAPPINI 230
-
- HOOFDSTUK XVII.
-
- DE KUDDEN VAN YARRAHAPPINI 242
-
- HOOFDSTUK XVIII.
-
- DE PICNIC TE KRANGI-BAHTOO 254
-
- HOOFDSTUK XIX.
-
- EEN LICHTBLAUW HAARLINT 272
-
- HOOFDSTUK XX.
-
- JUDY 284
-
- HOOFDSTUK XXI.
-
- TOEN DE ZON ONDERGING 295
-
- HOOFDSTUK XXII.
-
- HET LAATSTE HOOFDSTUK 303
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-EEN WOORD VOORAF.
-
-
-"Seven little Australians" heeft Miss Ethel Turner het boek
-genoemd, dat thans in Nederlandsche vertaling verschijnt. "Zeven
-kleine Australiërs" heb ik dus boven het verhaal geschreven, dat de
-geschiedenis bevat der kinderen van den bij Sidney wonenden kapitein
-Woolcot.
-
-Steeds verdiept onze jeugd zich nog gaarne in het aangenaam, frisch
-geschreven verhaal "Helen's Kleintjes", en zouden er wel vele jonge
-meisjes bij ons gevonden worden, die niet heerlijke uren hadden
-doorgebracht met het lezen van Louise Alcott's boeken? Welnu,
-aan allen, die in dergelijke lectuur genoegen scheppen, draag ik de
-"Zeven kleine Australiërs" op.
-
-Trouwens, dat men in Engeland dezelfde opvatting van Miss Turner's
-wijze van schrijven heeft, bewijst hetgeen een Londensch blad, The
-Queen zegt:
-
-.... "het is bestemd om de harten van jong en oud te winnen evenals
-"Helen's Babies" ze won", en wat de Westminster Gazette schrijft:
-
-"Miss Turner is op weg om voor Australië en dan voor de wereld in
-het algemeen datgene te worden, wat de schrijfster van "Little Women"
-gedurende eenige geslachten voor Amerika was, en voor kinderen zoowel
-als voor volwassenen over de geheele wereld. "Seven little Australians"
-is zulk een allerliefst verhaal, dat wij met vreugde het vervolg hierop
-"The Family at Misrule" begroeten. Het zijn weer de "zeven", en meer
-dan ooit worden wij geboeid door hunne guitenstreken en afdwalingen
-en hunne goede daden. Wij kennen geen opwekkender, gezonder lectuur
-dan deze."
-
-Miss Ethel Turner heeft dus een vervolg op haar "Seven little
-Australians" geschreven, en voor al wie de geschiedenis van Meg, het
-droomerige, zestienjarige meisje in wie zoovele goede eigenschappen
-sluimeren; van Pip, haar flinken broeder; van Judy, wier dood door
-zelfopoffering men niet dan met groote aandoening kan lezen; van
-Nellie, van den zwakken, helaas dikwijls onoprechten Bunby, van Baby en
-van den steeds vroolijken jongste, den "Generaal" met belangstelling
-heeft gelezen, zal dit eene welkome tijding zijn. Weldra zal ook dit
-vervolg in het Nederlandsch het licht zien.
-
-Ten slotte nog eenige aanhalingen uit beoordeelingen der Engelsche
-pers: The Standard zegt van Miss Turner's eerste werk:
-
-"De bekoorlijkheid van dit boek bestaat in zijn eenvoudigen, gepasten
-stijl, in de afwisseling van ernst en luim. Wij aarzelen niet het de
-eerste plaats onder de nieuw uitgekomen boeken te geven."
-
-In de Graphic leest men, dat het is:
-
-"Een treffend beeld uit het kinderleven."
-
-The Sketch zegt van Miss Turner:
-
-"Zij heeft een ongeëvenaard succes met haar allerliefst verhaal uit
-het kinderleven: "Seven little Australians" behaald. Het boek heeft
-in Australië een buitengewonen opgang gemaakt, en heeft in Engeland
-de warme bewondering van verscheidene uitstekende letterkundigen
-verworven."
-
-Moge Miss Turner's boek in Nederland een even goed onthaal vinden
-als in Australië en Engeland.
-
-
- Marie ten Brink.
-
- Leiden.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK I.
-
-HOOFDZAKELIJK BESCHRIJVEND.
-
-
-Alvorens gij u in deze geschiedenis gaat verdiepen, zou ik u eerst
-even willen waarschuwen.
-
-Wanneer ge u verbeeldt, dat ge zult lezen van modelkinderen, met
-misschien een er tusschen, die neiging toont, om wel eens ondeugend
-te zijn, alleen om eene leerrijke tegenstelling te vormen, dan
-doet gij beter met dit boek dadelijk op zijde te leggen en u in de
-"Geschiedenis van den Braven Hendrik" of een dergelijk standaardwerk
-voor de jeugd te verdiepen. Geen enkele van de zeven is volmaakt braaf,
-wegens de zeer goede reden, dat Australische kinderen dit nooit zijn.
-
-In Engeland, in Amerika, in Afrika, in Azië, mag het jonge volkje
-toonbeelden van deugd zijn, ik weet er weinig van.
-
-Maar in Australië is een modelkind--ik zeg het niet zonder
-dankbaarheid--een onbekend verschijnsel.
-
-Het is mogelijk, dat de miasmen van de ondeugendheid zich het best in
-onze van zonnegloed doortintelde, zuivere atmospheer ontwikkelen. Het
-is mogelijk, dat land en volk gelijkelijk jong van hart zijn, en er
-geen schaduw op het gemoedsleven der kinderen geworpen wordt door de
-treurige geschiedenis van lang vervlogen jaren.
-
-Er is hier eene smeulende vonk van vroolijkheid en verzet en kwaad
-in de natuur, en daarom ook in de kinderen.
-
-Dikwijls wordt het licht dof en de schitterende tinten verwelken
-tot onzijdige kleuren in het stof en de hitte van den dag. Maar als
-deze oproerige neiging gedurende vrije dagen en schooldagen blijft
-aanhouden, dan beslissen de omstandigheden alleen er over of de
-electrische vonk de weerbarstigen tot allerlei ongerechtigheden zal
-aanzetten, of de harten zal verwarmen van de moedige, eenvoudige,
-oprechte menschen die alléén Australië kunnen "groot maken".
-
-Maar genoeg hierover. Laat mij u vertellen van mijne zeven uitgelezen
-kinderen. Op dit oogenblik zullen zij thee gaan drinken met een
-minimum van comfort en een maximum van rumoer, dus, wanneer gij een
-oorverdoovend geraas van stemmen en een onharmonisch gerinkel met
-kopjes en schotels kunt velen, zal ik u mede naar binnen nemen en
-hen aan u voorstellen.
-
-Het theeuurtje der kinderen is meer eene Engelsche dan
-eene Australische instelling; er heerscht hier bij ons een
-vriendschappelijke geest onder ouders en kinderen, en eene volkomen
-afwezigheid van onderdanigheid aan den kant der laatsten. Zelfs in
-de voornaamste families gebeurt het zelden, dat de ouders in eenzame
-plechtstatigheid een maal gebruiken, terwijl de kinderen in eene andere
-kamer thee zonder veel meer wordt voorgezet: zij plaatsen zich allen
-om dezelfde tafel, en de kinderen bedienen zich van de schotels,
-die voor allen bestemd zijn, en handhaven krachtig hun recht, aan
-het gesprek deel te nemen.
-
-Maar, wanneer nu de vader zeer lastig en min of meer prikkelbaar
-is, en zijne zeven kinderen uitstekende longen en onvermoeibare
-tongetjes hebben, is het dan niet het beste, dat elk der partijen
-eene afzonderlijke kamer heeft om de maaltijden te gebruiken?
-
-Kapitein Woolcot, de vader, had, in overeenstemming met deze scheiding,
-het dikke vilt over de vleugeldeur boven laten aanbrengen, maar het
-rumoer kwam desniettegenstaande onbezorgd in een stroom van vroolijke
-klanken naar beneden, naar de eetkamer.
-
-Het vertrek, waar de kinderen zich ophielden, was buitendien eene
-kinderkamer zonder kinderjuffrouw, en dit verklaart ten deele
-dezen toestand. Meg, de oudste, was eerst zestien; van haar kon
-men redelijkerwijze niet verwachten, dat zij veel ontzag inboezemde,
-buitendien had het slordige maar goedhartige meisje, op wie de plichten
-van kinderjuffrouw en kamermeisje rustten, zooveel te doen in deze
-laatste hoedanigheid, dat de eerste er aanmerkelijk onder leed. Zij
-zorgde voor de maaltijden der kinderen, wanneer geen der kleine meisjes
-te vinden was om haar te helpen, en de kleertjes van de twee jongsten
-knoopte zij 's morgens dicht, maar behalve dit moesten al de kinderen
-maar zien zich zelf te helpen.
-
-En de moeder? zult ge vragen.
-
-O, zij was niet ouder dan twintig--net een vroolijk, jong meisje,
-die zij allen aanbaden, en die maar heel weinig deftiger en maar
-weinig meer van een huismoedertje had dan Meg. Alleen de jongste van
-het troepje was haar kind, maar zij scheen evenveel van de andere
-zes te houden, en behandelde den jongste meer alsof het een grappig
-klein poesje dan een heusche levende baby was, en haar eigen kindje.
-
-Het is waar dat op Misrule--dit is de naam waaronder het huis in de
-wandeling bekend was, hoewel ik geloof dat er een andere boven het
-balkon geschilderd stond--scheen deze baby een speelpopje voor een
-ieder te zijn. De kapitein begon gewoonlijk te lachen, als hij hem zag,
-hief hem hoog in de lucht, en gaf hem dan snel aan een ander over.
-
-De kinderen sleepten hem overal mede heen, lieten hem ontelbare malen
-vallen, vergaten zijn jasje op vochtige dagen, stopten hem goed in
-als het warm was, gaven hem de vreemdsoortigste dingen te eten,
-en toch was hij de gezondste, aardigste, tevredenste kleine man,
-die ooit op een klein dik duimpje gezogen heeft.
-
-Ook noemde men hem nooit "baby"; dit was de bijzondere naam van op
-één na het jongste. Kapitein Woolcot had gezegd: "Wel zoo, is dat
-de generaal?" toen het kleine, roode, staroogende wezentje in zijne
-armen werd gelegd, en deze naam was in dagelijksch gebruik gekomen,
-ofschoon ik geloof, dat de dominee bij de doopplechtigheid zoo iets
-gezegd heeft van Francis Rupert Burnand Woolcot.
-
-Baby was vier, en was een zacht klein dik meisje, met lieve vleiende
-maniertjes, groote glimlachende oogjes en lipjes, die tot kussen
-noodigden, als zij tenminste niet bedekt waren met jam.
-
-Had zij niet eene soort van liefhebberij gehad, om den Generaal aan het
-schreien te maken, dan was zij bijna een modelkind geweest. Ontelbare
-malen was zij overvallen, terwijl zij bezig was zijn arme kleine
-borst in te drukken om hem te laten "piepen", terwijl zij in zijne
-kleine armpjes kneep of aan zijn onschuldigen neus rukte, alleen maar
-om het vreemde genot te hebben van de wanhoopskreten te hooren, die
-hij dan dadelijk uitstootte. Kapitein Woolcot schreef de oorzaak van
-deze zonderlinge neiging aan het feit toe, dat het kind eens een log
-wollen lammetje gehad had, aan hetwelk het stevigste drukken alleen
-maar een zeer flauw piepend geluid had kunnen ontlokken: hij zeide,
-dat het niet anders dan natuurlijk was dat zij, nu zij iets had,
-dat zich zoo gemakkelijk indrukken liet, dit ook daarvoor gebruikte.
-
-Bunby was zes, en was dik en lui. Hij vond in het veld staan bij het
-cricketspel afschuwelijk, hij verfoeide zelfs het woord paardjespelen,
-en als er sprake was van eene boodschap, wel, eer iemand nog gereed
-was met te zeggen, dat hij dit of dat gaarne gehaald had, was Bunby
-reeds lang verdwenen. Hij was klein voor zijn leeftijd en ik geloof
-niet, dat iemand hem ooit gezien heeft met een schoon gelaat. Zelfs
-in de kerk was alleen dat gedeelte, dat juist naar den dominee gekeerd
-was, tamelijk schoon, maar de menschen in de banken achter hem hadden
-altijd een ongestoord gezicht op de zwarte grens, die de spons niet
-overschreden had.
-
-De volgende van de rij--ik klim, zooals ge ziet, van beneden naar
-boven--was het "pronkjuweel" der Woolcots, zooals Pip, de oudste
-jongen, zeide. Ge hebt wel eens op Kerstmiskaartjes, die engeltjes met
-ideale kindergezichten gezien? Ik denk, dat de teekenaar juist van Nell
-gedroomd had, en toen zijn visioen onvolkomen heeft weergegeven. Zij
-was tien, was slank en sierlijk als een elfje, had goudachtig haar,
-dat in wonderschoone golven en krullen langs haar gezichtje hing,
-zachte lichtbruine oogen en een rozeknopje van een mondje. Zij had
-volstrekt geen eigendunk, daar zorgden haar broertjes en zusjes wel
-voor,--Pip zou zulk eene neiging in hare eerste uiting onderdrukt
-hebben,--maar toch, als er een mooi lintje over was, of een lap fraai
-gekleurde stof juist groot genoeg voor een klein jurkje, dàn was het
-als eene van zelf sprekende zaak voor haar.
-
-Judy was slechts drie jaar ouder, maar vormde met haar het grootst
-mogelijke contrast. Nellie was in al hare bewegingen langzaam,
-en kon in iedere houding een waardig model voor een schilderijtje
-zijn. Judy was, geloof ik, nog nooit wandelend gezien, en zag er
-zelden teekenachtig uit. Wanneer zij niet als eene dwaze naar de
-plek toe stormde, die zij wenschte te bereiken, dan ging zij er al
-springende, dansende en huppelende heen. Zij was zeer mager, zooals
-gewoonlijk kinderen en menschen, die kwikzilver in plaats van bloed
-in hunne aderen hebben; zij had een klein, levendig, sproetig gezicht
-met schitterende donkere oogen, een kleinen, vastberaden mond, en
-een overvloed van woest, krullend donker haar, dat de plaag van haar
-leven was.
-
-Zonder twijfel was zij de lastigste van de zeven kinderen,
-waarschijnlijk omdat zij de schranderste was. Hare vernuftige invallen
-brachten hen allen telkens in verlegenheid, zij nam bedaard de schuld
-van alles op zich, en menigmaal gebeurde het, dat de andere kinderen
-haar stormachtig verweten, hen tot het een of ander kattekwaad
-aangezet te hebben. Zij was "Helen" gedoopt geworden, dat in geenen
-deele verantwoordelijk is voor "Judy" [1], maar kan men bijnamen
-eigenlijk wel voor iets verantwoordelijk stellen? Bunby zeide,
-dat zij zoo genoemd werd, omdat zij altijd haar bovenlijf voor- en
-achterover wierp en met hare armen en beenen zwaaide als de beroemde
-vrouw van Punch; daar mag wel iets van aan geweest zijn. Haar andere
-naam "Fizz" is gemakkelijker te begrijpen; Pip placht te zeggen,
-dat hij nog nooit gemberbier gezien had dat bruisend en borrelend
-half zooveel leven maakte als Judy.
-
-Pip heb ik nog niet aan u voorgesteld, is het wel? Hij geleek een
-weinig op Judy, maar was knapper en grooter, en hij was veertien
-jaar, en had even goed zijne eigen meening, en koesterde eene even
-groote geringschatting voor meisjes, als jongens van zijn leeftijd
-dit gewoonlijk doen.
-
-Meg was de oudste van de familie, en had eene mooie lange vlecht
-waaraan Bunby met het grootste genoegen kon trekken, een zacht,
-droomerig gezichtje, dat geheel bedekt was met kleine, niet leelijke
-sproeten, waarover zij menigmaal van dezen en genen iets moest hooren.
-
-Door de leden van het gezin werd algemeen geloofd, dat zij gedichten
-en verhalen schreef, en zelfs een dagboek hield, maar niemand had
-ooit een spoor van hare papieren gezien, zoo zorgvuldig hield zij ze
-in haar ouden blikken hoedendoos weggesloten. Hadt gij hen naar hun
-vader gevraagd, dan zouden zij u allen met grooten trots geantwoord
-hebben, dat hij "een militair" en door zijne bezigheden niet vaak
-thuis te vinden was. Hij begreep niets van kinderen, en was altijd
-aan het brommen over het rumoer dat zij maakten en het geld, dat
-zij kostten. Toch geloof ik, dat hij wel wat trotsch was op Pip en
-soms, als Nellie aardig aangekleed was, nam hij haar met zich mede
-in zijn dogcart.
-
-Hij had, toen hij zijn jong vrouwtje zijne woning binnenleidde, haar
-voorgesteld, hen alle zes naar eene kostschool te zenden, maar zij
-had daar niets van willen hooren.
-
-Eerst hadden zij geprobeerd in de kazerne te wonen, maar na eenigen
-tijd werd in het officierskwartier een ieders verontwaardiging gewekt
-door de guitenstreken van "die ongezeggelijke kinderen", en dus nam
-kapitein Woolcot een huis buiten de stad, aan de Parramatta gelegen,
-en bracht zijn gezin in eene bitter booze stemming daarheen.
-
-De kinderen vonden de verandering verrukkelijk, want er was eene groote
-wildernis als tuin, twee of drie grasvelden, ontelbare donkere hoekjes
-waarin men zich kon verbergen bij het verstoppertje spelen, en, het
-beste van alles, de rivier. Hun vader hield drie mooie paarden, een
-in de kazerne en een rijpaard en een goed koetspaard op Misrule; en
-de kinderen--niet dat zij dit anders zouden gewenscht hebben--liepen
-in afgedragen kleeren, waar hunne ellebogen doorheen keken, en op
-oude schoenen. Zij werden onderwezen--allen behalve Pip, die naar de
-Latijnsche school ging--door eene gouvernante van den derden rang,
-die dagelijks bij hen kwam, en altijd in doodelijken angst leefde,
-dat hare onwetendheid door hare leerlingen zou ontdekt worden. Als
-van zelf spreekt, hadden zij haar reeds lang doorzien, maar deze
-toestand strookte volkomen met hunne neiging, om niet te veel tot
-werken aangezet te worden, en vooral niet te veel te moeten leeren,
-en dus zwegen zij hierover met de grootste nauwgezetheid.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK II.
-
-GEBRADEN KIP.
-
-
-Ik hoop, dat ge nog niet geheel doof zijt geworden, want hoewel
-wij gereed zijn met voorstellen, is het theedrinken nog lang niet
-afgeloopen, en dus moeten wij nog een poosje in de kinderkamer
-blijven. Gedurende al den tijd, dat ik gepraat heb, is Pip aan het
-brommen geweest, omdat er niets bijzonders was. Het is waar, dat de
-tafel er niet zeer aanlokkelijk uitzag: het servet scheen er maar op
-goed geluk over heen geworpen, de kopjes en schotels waren gebarsten
-en beschadigd, de thee zeer slap, en er was niets om te eten dan dikke
-boterhammen. Toch was alles als gewoonlijk, en ieder scheen verbaasd
-over Pip's ontboezeming.
-
-"Vader en Esther" (zij noemden hunne jonge stiefmoeder allen bij haar
-voornaam) "hebben gebraden gevogelte, drie groenten, en vier soorten
-pudding," zeide hij boos; "het is wat moois!"
-
-"Maar wij hebben om één uur ons middageten gehad, Pip, en voor jou
-is als gewoonlijk eten bewaard," zeide Meg, terwijl zij bij de thee
-die zij schonk, met kwistige hand warm water en suiker voegde.
-
-"Schapenvleesch en wortelen en rijstpudding!" antwoordde haar broeder
-verdrietig: "Waarom krijgen wij geen gebraden gevogelte en vlade
-en dessert?"
-
-"Ja, waarom krijgen wij daar niets van?" klonk als echo de stem van
-de kleine gulzige Bunby, terwijl zijne oogen begonnen te schitteren.
-
-"Wat zou er dan veel moeten zijn voor ons allen!" zeide Meg, blijmoedig
-het mes in het groote brood zettende.
-
-"Wij zijn maar kinderen--laten wij dankbaar zijn voor deze heerlijke
-dikke boterhammen en dezen overvloed van zachte boter!" zeide Judy,
-met een wijs gezichtje.
-
-Pip schoof zijn stoel van de tafel af.
-
-"Ik ga naar beneden en vraag om een stukje kip!" zeide hij met een
-vastberaden blik. "Ik ruik nog den geheelen tijd den heerlijken geur
-er van, en er staat een massa op de tafel, ik heb het door een kier
-van de deur gezien."
-
-Hij nam zijn bord, liep naar beneden, en kwam weldra, tot een ieders
-verwondering, met eene groote portie terug.
-
-"Hij kon mij niet best afschepen," grinnikte hij. "Kolonel Bryant is
-ten eten; maar hij keek wel een beetje woedend,--hier, Fizz, ik zal
-met je deelen."
-
-Judy schoof haar bord gretig bij, toen haar dit ongewoon grootmoedige
-aanbod gedaan werd, en ontving een heel klein stukje, een vijfde deel,
-met groote dankbaarheid.
-
-"Ik houd zoo bijzonder veel van kip!" zeide Nell smachtend. "Ik heb
-grooten lust om naar beneden te gaan en om een boutje te vragen--ik
-geloof, dat hij het mij wel zal geven."
-
-Deze oneerbiedige kinderen zeiden, zooals ge reeds zult gemerkt hebben,
-van hun vader sprekende altijd "hij."
-
-"Ja, doe dat!" zeide Pip, en er schitterde iets in zijne oogen.
-
-Nell nam een ander bord, en vertrok langzaam naar de lagere
-gewesten. Zij liep de eetkamer binnen onmiddellijk achter het
-dienstmeisje, en stond naast haar vader, haar bord achter zich houdend.
-
-"Wel, kleine meid, wil je mij niet een handje geven? Hoe heet
-je?" zeide kolonel Bryant, en klopte haar vriendelijk op de wang.
-
-Nell keek op met een schuwen, lieftalligen blik.
-
-"Elinor Woolcot, maar iedereen noemt mij Nell," zeide zij, en stak
-hare linker hand uit, daar de rechter het bord vasthield.
-
-"Wel Nell, zijn dat nu manieren!" sprak haar vader lachend, maar hij
-zag haar een oogenblik ontevreden aan. "Waar is je rechter hand?"
-
-Zij nam haar arm langzaam van haar rug weg en toonde het oude,
-gebarsten bord. "Ik dacht, dat u mij misschien ook een stukje kip
-zou willen geven," zeide zij,--"met een pootje of een vleugel of een
-stukje wit vleesch zou ik al blij zijn."
-
-De kapitein fronste zijn voorhoofd. "Wat beduidt dat! Pip is zooeven
-ook hier geweest. Hebben jelui niets te eten in de kinderkamer?"
-
-"Alleen heel dikke boterhammen!" zuchtte Nellie. Esther onderdrukte
-met moeite een glimlach.
-
-"Maar jelui hebt je middageten gehad om één uur!"
-
-"Schapenvleesch en wortelen en rijstpudding!" zeide Nellie treurig.
-
-Kapitein Woolcot nam bijna toornig een kippebout en legde hem op
-haar bord.
-
-"Ga nu heen! Ik begrijp niet, wat jelui beiden van avond hebt!"
-
-Nellie was reeds bij de deur gekomen, en keerde toen weer terug.
-
-"Zou u mij niet een vleugel voor Meg willen geven? Judy heeft wat
-van Pip gekregen, maar Meg heeft niets!" zeide zij, met zulk een
-smeekenden, ongelukkigen blik, dat kolonel Bryant er geheel door
-getroffen werd.
-
-Haar vader beet zich op de lip, hakte met onheilspellend stilzwijgen
-een vleugel af, en legde dien op haar bord.
-
-"Nu, ga nu heen, en laat ik verder geen last meer van je hebben,
-lieve kind!" De laatste woorden werden met groote zelfbeheersching
-uitgesproken. Nell's verschijning in de kinderkamer met twee porties
-kip werd met uitbundige juichkreten begroet. Meg was opgetogen over
-haar deel, sneed een stukje er af voor Baby, en het maal werd vroolijk
-voortgezet.
-
-"Waar is Bunby?" zeide Nell opeens, met een zeer schoon afgekluifd
-beentje tusschen haar vingers, "ik hoop toch maar, dat hij ook niet
-naar beneden gegaan is; ik geloof heusch, dat vader het toch niet
-aardig vond, vooral omdat die vreemde man er bij was."
-
-Maar deze kleine heer had dat werkelijk gedaan, en kwam, geheel uit
-het veld geslagen terug.
-
-"Hij wilde mij niets geven,--hij zeide mij, dat ik weg moest gaan,
-en die vreemde man lachte, en Esther zeide, dat wij heel ondeugend
-waren,--maar ik heb toch een paar gebakken aardappels van de tafel
-buiten de deur kunnen nemen."
-
-Hij opende zijne vuile handjes en liet de onsmakelijke lekkernij op
-het servet vallen.
-
-"Bunby, je bent een kleine vuilpoets," zuchtte Meg, terwijl zij van
-haar boek opzag. Zij las altijd gedurende de maaltijden, en van het
-verhaal, waar zij nu aan bezig was, waren een paar hoogst beschaafde,
-uiterst elegante jonge meisjes de heldinnen.
-
-"Je bent zelf een vuilpoets! Jelui hebt allemaal kip gehad behalve ik,
-akelige kinderen!" antwoordde Bunby kribbig, en at met groote haast
-zijne aardappels op.
-
-"Neen de Generaal heeft niets gehad!" zeide Judy, en uit hare donkere
-oogen keek met eene plotselinge flikkering al hare oude ondeugendheid.
-
-"Nu, nu Judy!" zeide Meg waarschuwend; zij wist maar al te goed wat
-die flikkering beduidde.
-
-"O, ik zal je geen kwaad doen, lieve oudste zuster!" zeide mejuffrouw
-Judy, terwijl zij door de kamer danste en in het voorbijgaan Meg een
-tikje op het hoofd gaf. "Ik wilde alleen maar zorgen, dat die arme
-kleine Generaal ook een beetje plezier heeft!"
-
-Zij tilde hem uit zijne hoogen stoel, waarin hij aan de tafel gegeten
-had, hard op het blad slaande met een lepel, en suiker etende in
-de tusschenpoozen.
-
-"Nu zal je eens wat beleven, mijn Generaaltje!" zeide zij; en sprong
-met hem naar de deur.
-
-"O, Judy, wat ga je nu beginnen?" riep Meg klagend.
-
-"Ju-Ju!" kraaide de Generaal, terwijl hij bijna uit Judy's armen gleed,
-en hem een voorgevoel van pret doorstraalde.
-
-Zij gingen de trap af, de andere vijf hen achterna om vooral niets te
-verliezen, van wat er gebeuren zou. Judy ging met hem op de onderste
-trede zitten.
-
-"Houdt mijn kleine vent wel van kippen, lieve kippetjes?" zeide
-zij arglistig.
-
-"Kip, kip! Kip, kip!" stootte hij uit, en keek om zich heen, of hij
-zijne vriendjes niet ontdekte.
-
-"Vadertje heeft er eene heele menigte, zóóveel," zeide Judy, en zij
-spreidde hare armen wijd uit, om een denkbeeld te geven van het aantal,
-dat in haar vaders bezit was. "Ga ze maar eens gauw zoeken!"
-
-"Kip, kip!" riep de Generaal verrukt, terwijl het hem eindelijk
-gelukte, op den grond te springen, "kip, kip zoeken!"
-
-"Ga maar naar binnen!" fluisterde Judy, hem een duwtje gevende,
-zoodat hij in de half geopende deur der eetkamer te staan kwam;
-"vraag maar aan vader!"
-
-Het kind kwam midden door de kamer op zijne dikke, onvaste beentjes
-aangedribbeld.
-
-"Zijn de kinderen van avond allemaal niet wijs, Esther?" zeide de
-kapitein, toen zijn jongste zoon zich woest aan zijn been vastklemde
-en beproefde, omhoog te klimmen.
-
-Hij keek in het kleine, vuile, ronde gezichtje. "Wel Generaal,
-waaraan hebben wij de eer van jou tegenwoordigheid te danken?"
-
-"Kip, kip, kip, kip!" riep de Generaal. Hij wierp zich op handen en
-voeten, en begon kruipende te zoeken naar de gevederde lievelingen,
-die volgens Judy's zeggen hier moesten zijn.
-
-Maar Esther nam de lieve, kleine booswicht met het vuile gezichtje op,
-en bracht hem, hoewel hij stevig tegenspartelde, buiten de kamer. Bij
-de trap gekomen struikelde zij bijna over de rest van het troepje.
-
-"O, jelui ondeugende kinderen, jelui stoute, lastige kinderen!" zeide
-zij, terwijl zij de hand uitstrekte om hen om de ooren te geven,
-en natuurlijk niemand raakte.
-
-Zij ging even op de benedenste trede zitten, om één oogenblik te
-schaterlachen, daarop gaf zij den Generaal aan Pip over.
-
-"Morgen," zeide zij, opstaande en haastig het zware haar glad
-strijkende, waarin de handjes van den Generaal gewoeld hadden,
-"morgen krijgen jelui allemaal met den bezemsteel!"
-
-Zij zagen den sleep van hare geel zijden japon weer in de eetkamer
-verdwijnen, en gingen langzaam naar de kinderkamer terug, om verder
-thee te drinken.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK III.
-
-DE DEUGD WORDT NIET ALTIJD BELOOND.
-
-
-Het was niet waarschijnlijk, dat zulk eene gebeurtenis zonder gevolgen
-voorbij zou gaan, maar aan den anderen kant is het ook weer moeielijk,
-zeven kinderen tegelijk te straffen. Eerst had Kapitein Woolcot aan
-Esther opgedragen om Miss Marsh, de gouvernante, te zeggen, dat zij
-hen allen tien Fransche werkwoorden moest laten leeren; maar, hierin
-had Judy gelijk, de Generaal en Baby en Bunby en Nell waren nog niet
-zoo ver, dat zij eenig begrip hadden van Fransche werkwoorden, en dus
-zou zulk eene straf niet doeltreffend zijn. Het vonnis was dus tot nu
-toe nog niet geveld, en een ieder bevond zich in een onbehagelijken
-toestand van angstige, drukkende spanning.
-
-"Jelui vader zegt, dat jelui schandelijk ondeugend bent!" zeide de
-jonge stiefmoeder langzaam, toen zij een dag later in de kinderkamer in
-een schommelstoel zat. Zij droeg eene morgenjapon van witte mousseline
-met kersrood lint, maar op eene of twee plaatsen deed een speld dienst
-voor een knoop en de kant van den sleep was hier en daar afgetrapt.
-
-"Meg, je ziet er vreeselijk slordig uit, en Judy moest zich schamen,
-zoo voor den dag te durven komen!"
-
-Meg was gekleed in een slecht zittende, groen kasjmiren japon,
-waarvan de ellebogen versleten en het peluche op verscheidene plaatsen
-losgetornd was, terwijl Judy's vreeselijk nauw en verlept rose zephyr
-kleedje overal scheuren had, en de kleur nauwelijks meer te zien was
-van de vruchtenvlekken.
-
-Meg bloosde even. "Ik weet het wel, Esther, en ik zou ook wel graag
-mooi gekleed willen zijn, maar het is heusch niet de moeite waard,
-om die oude japon nog te maken."
-
-Zij nam het boek over de elegante jonge dames, dat hare tevreden
-stemming dreigde te verstoren, weer op, en ging er mede naar den
-armstoel.
-
-"Judy, jij gaat die scheuren maken en zet knoopen aan je lijfje!" sprak
-Esther met ongewone vastheid.
-
-Judy's oogen glinsterden en schitterden.
-
-"Is dat een dolk, wat ik voor mij zie, en is 't gevest naar mijne hand
-gekeerd?" zeide zij onbeschaamd, greep een van de spelden van Esther's
-japon, bevestigde hem aan haar eigen kleedje, en maakte eene buiging.
-
-Esther kleurde nu toch even.
-
-"Dat doet de Generaal, Judy! Hij trekt altijd aan mijne knoopen,
-als ik met hem speel! Maar, daar had ik haast wat vergeten. Kinderen,
-ik heb slecht nieuws voor jelui!"
-
-Er ontstond eene ademlooze stilte. Allen schaarden zich om haar heen.
-
-"Het vonnis is geveld!" zeide Judy pathetisch: "laten wij ons de
-haren afsnijden en boetgewaden aantrekken!"
-
-"Jelui vader zegt, dat hij zulk een gedrag niet ongestraft kan laten,
-en omdat jelui gisteren buitengewoon lastig geweest zijn, zullen
-jelui allen--"
-
-"Worden weggesleept en opgehangen!"
-
-"Wees stil, Judy! Ik verzeker je, dat ik voor jelui gepleit heb,
-maar dit ontstemde hem nog meer. Hij zegt, dat jelui de slordigste,
-bandelooste kinderen zijn van geheel Sidney, en hij zal jelui iederen
-keer straffen, als je iets ondeugends doet, en--"
-
-"Daar zal geween zijn en knarsing der tanden."
-
-"Ach, houd toch je mond, Judy! Wij kunnen immers niets verstaan!"
-
-Pip legde zijne hand op haar mond en hield haar bij de haren vast,
-terwijl Esther hare mededeeling deed.
-
-"Geen een van jelui gaat naar de pantomime. Er waren plaatsen genomen
-voor Donderdagavond, en nu zullen jelui allen thuis moeten blijven."
-
-Gedurende een minuut of twee weerklonk een luid gejammer. Zij
-hadden zich bijna een maand lang op dezen uitgang verheugd, en de
-teleurstelling was voor hen allen zeer groot.
-
-"O, Esther, dat is te erg! Alle jongens van school zijn er al
-geweest!" Pip's aardige gezicht werd rood van spijt. "En dat voor
-zoo'n kleinigheid!"
-
-"Alleen, omdat er gebraden kip voor het diner was!" zeide Judy, met
-half verstikte stem. "O, Esther, waarom was er geen rundvleesch,
-of paardevleesch of hippopotamusvleesch--of wat ook, als het maar
-geen gebraden kip was?"
-
-"Zou je hem niet kunnen bepraten, Esther?" Meg keek angstig naar haar.
-
-"Lieve Esther, probeer het!"
-
-"Ja, lieve, beste Esther, probeer het!"
-
-Zij klemden zich allen aan haar vast. Baby sloeg hare armen om haar
-hals en deed haar bijna stikken; Nell streelde hare wang; Pip klopte
-haar op den rug, en smeekte haar een lieve meid te zijn; Bunby
-begroef zijn neus in haar zwart haar en weende eene stille traan;
-Meg sloeg hare handen in een aanval van mistroostigheid ineen; de
-Generaal stootte eene serie van verrukte gilletjes uit; en Judy in
-hare wanhoop kuste hem dat het klapte.
-
-Esther zou haar best doen, smeeken, als zij nog nooit gesmeekt
-had, vleien, bedelen, volhouden, dreigen; en door deze belofte
-gerustgesteld, lieten zij haar eindelijk gaan.
-
-"Alleen raad ik jelui aan, bovennatuurlijk stil en lief te zijn
-den geheelen dag!" zeide zij omkijkende, toen zij reeds in de gang
-was. "Dat zal den meesten invloed hebben, vooral daar wij den geheelen
-dag thuis zijn."
-
-Lief! Het was werkelijk pijnlijk om de deugdzaamheid dezer kinderen
-gedurende het overige gedeelte van den dag op te merken.
-
-Zij hadden een vrijen middag, en Miss Marsh was er niet, maar geen
-enkel maal kwam het geluid van een twist, of van gelach, of van
-geschrei, naar de lagere gewesten gezweefd.
-
-"Burgers van Rome, de oogen der wereld rusten op u!" had Judy plechtig
-gezegd, en allen hadden beloofd zich zóó te gedragen, dat hun vaders
-hart wel moest vermurwd worden.
-
-Pip trok zijn schooljasje aan, kamde zijn haar, nam een stapel
-schoolboeken, en ging naar de studeerkamer, waar zijn vader brieven
-zat te schrijven, en waar hij altijd zijn werk mocht komen maken.
-
-"Wat wilde je?" vraagde de kapitein terwijl hij zijne wenkbrauwen
-fronste. "Je behoeft mij niet aan te komen met een verzoek om dien
-jongen hond te mogen houden--ik geef je er toch geene toestemming toe."
-
-"Ik kom om te werken, vader!" zeide Pip ootmoedig, "ik voel, dat
-ik wat ten achteren ben met rekenen: daarom wilde ik op mijne vrije
-middagen sommen maken, vooral daar ik u zooveel aan schoolgeld kost."
-
-De kapitein liet een zwakken uitroep hooren, en keek Pip opmerkzaam
-aan; maar het gezicht van den jongen was zoo strak en ernstig, dat
-hij ontwapend werd, en zich heimelijk gelukwenschte, dat zijn oudste
-zoon eindelijk tot inzicht kwam.
-
-"De sommen, die ik gemaakt heb, toen ik op school ging, liggen in dien
-kast!" zeide hij vriendelijk. "Als ze je van eenig nut kunnen zijn,
-dan mag je ze er uit nemen."
-
-"Als het u blieft--zij zullen mij zeker van groot nut zijn!" zeide
-Pip dankbaar.
-
-Hij bladerde in de schriften en op zijn gezicht was duidelijk
-bewondering te lezen.
-
-"Hoe netjes en nauwkeurig werkte u, vader!" zeide hij met een
-zucht. "Ik ben benieuwd of ik het ooit zoo ver zal brengen. Hoe oud
-was u, vader, toen u dit schreef?"
-
-"Ongeveer zoo oud als jij nu!" zeide de kapitein, de papieren in
-zijne hand nemende.
-
-Hij keek ze door met zijn hoofd op één schouder. Hij was min of meer
-trotsch op dit werk, en zag dat hij geheel vergeten was hoe decimale
-breuken uitgewerkt moesten worden, en dat hij, al had hij er zijn leven
-door kunnen redden, geene vierkantsvergelijking meer zou kunnen maken.
-
-"In ieder geval behoeft dit je niet te ontmoedigen, Pip. Ik herinner
-mij wel, dat ik wat rekenen betreft de jongens van mijn leeftijd
-vooruit was. Wij kunnen niet allen in hetzelfde vak uitblinken,
-en ik ben blijde te zien, dat je het gewicht van het leeren begint
-te begrijpen!"
-
-"Ja, vader!"
-
-Meg had zich naar het salon begeven, en was gezeten op den vloer voor
-den muziekkast met schaar, vingerhoed, en eene rol smal blauw lint
-op hare knieën, terwijl alle liederen van haar vader die, zooals hij
-zoo dikwijls met leedwezen zeide, door elkaar raakten en scheurden,
-om haar heen uitgespreid lagen.
-
-Hij zag haar, toen hij de deur voorbij kwam, en keek verbaasd maar
-aangenaam verrast naar binnen.
-
-"Wel, Margaret, dat had mijne muziek hard noodig! Ik ben blij, dat
-je je zelf nuttig kunt maken!"
-
-"Ik doe het gaarne, vader!"
-
-Meg naaide met grooten ijver voort.
-
-Hij ging terug naar zijne studeerkamer, waar hij in een stil,
-afgezonderd hoekje Pips hoofd tusschen pyramiden van boeken en stapels
-papier zag uitsteken. Hij schreef nog twee brieven, en toen werd er
-zacht aan de deur geklopt.
-
-"Binnen!" riep hij, en Nell verscheen.
-
-Zij droeg met groote voorzichtigheid een klein blaadje, waarover
-een sneeuwwit kleedje lag, en waarop een glas melk en een bordje met
-moerbeziën stond. Zij zette het voor hem neer.
-
-"Ik dacht, dat u misschien wel wat zou willen gebruiken, vader!" zeide
-zij met een lief stemmetje; en Pip werd op eens gekweld door een
-hoestbui.
-
-"Mijn liefste kindje!" zeide hij.
-
-Hij keek peinzend naar het blaadje. "Ik heb voor het laatst een glas
-melk gedronken, Nellie, toen ik zoo oud was als Pip, en op school
-ging. Ik ben er onwel van geworden, en sedert dien tijd heb ik nooit
-weer melk geproefd."
-
-"Maar deze zal u geen kwaad doen. U wil deze toch wel opdrinken?"
-
-Zij keek hem met een van haar vriendelijkste blikken aan.
-
-"Ik zou even gaarne het vatenwater uit de keuken willen drinken,
-kindlief!" Hij nam eene moerbezie, at haar, en vertrok het
-gezicht. "Zij zijn niet rijp genoeg om gegeten te worden!"
-
-"Als u er maar eerst een stuk of zes gegeten heeft, merkt u niet
-meer, dat ze zuur zijn!" zeide zij met overtuiging. Maar hij schoof
-ze op zijde.
-
-"Ik wil het gaarne gelooven, als je het zegt." Toen keek hij haar
-onderzoekend aan. "Hoe kwam je op de gedachte mij iets te brengen,
-Nellie? Ik herinner mij niet, dat je ooit vroeger iets dergelijks
-gedaan hebt."
-
-"Ik dacht, dat u wel eetlust zou krijgen, nu u hier zoo druk moet
-zitten schrijven!" zeide zij vriendelijk; en Pip begon weer hevig te
-kuchen, en zij verdween.
-
-Buiten in den blakerenden zonneschijn was Judy bezig het grasperk
-te maaien.
-
-Zij hadden één knecht, en daar diens tijd zeer in beslag werd genomen
-door bezigheden in den stal, kon het niet anders, of de tuin moest
-daaronder lijden. Meer dan eens had de kapitein gezegd, hoe het hem
-hinderde, dat de grasperken er zoo verwaarloosd uitzagen, en dat hij
-zich tegenover bezoekers schaamde.
-
-En dus had Judy, een en al ijver, zich met eene buitengewoon groote
-zeis gewapend, en was tusschen het lange, lange gras ijverig aan
-het werk.
-
-"Lieve hemel, Helen! je zult je de voeten nog afsnijden!" riep haar
-vader verontrust.
-
-Hij verscheen op de veranda aan de voorzijde van het huis om na
-de moerbezie eene lichte sigaar te rooken, juist toen zij met
-een bewonderenswaardigen zwaai haar zeis een halven cirkel deed
-beschrijven, en een geheel leger van geel gehelmde paardebloemen
-onthoofdde.
-
-Zij keek om, en zag hem glimlachend aan.
-
-"O neen, vader!--ik ben een heele bolleboos in het maaien!"
-
-Zij deed een tweeden, niet minder schrikwekkenden, maar krachtigen
-zwaai, en volkomen volgens de regels van de kunst.
-
-"Daar--en daar--en daar!"
-
-Bij het tweede "daar" ging een stuk van hare japon mede, en bij het
-derde stoof een gedeelte van een rozenstruik door de lucht; maar
-natuurlijk, details zijn er altijd!
-
-"Ongelukken kunnen zelfs de beste maaiers overkomen!" zeide zij
-wijsgeerig, en tilde de zeis op tot een nieuwen slag.
-
-"Houd oogenblikkelijk op, Helen! Waarom kan je toch niet rustig met
-je pop spelen, en zulke gekheden nalaten?" zeide haar vader boos.
-
-"En ik deed het nog wel om hem een genoegen te bereiden!" zeide zij,
-oogenschijnlijk tot de paardebloemen sprekend.
-
-"Je kunt wel begrijpen, dat "het hem geen genoegen zal bereiden",
-als hij jou kurken beenen zal moeten geven, en den tuin moet laten
-opknappen," zeide haar vader droog. "Laat dat nu!"
-
-"Het zou wat moois zijn, om het werk halverwege te laten liggen--zou
-het grasperk er niet uitzien als een man, wiens eene wang geschoren
-was?"
-
-Judy sprak somtijds, en ook weer nu, in Iersch dialect, om de eene
-of andere geheimzinnige reden, die haar alleen bekend was.
-
-"En als u nu maar zoo goed zou willen zijn van hier te komen, en
-eens te zien hoe het er mede staat, dan zou het nog wel kunnen zijn,
-dat mijn maaien u niet mishaagt."
-
-De kapitein glimlachte even onder zijn knevel. Het kleine meisje
-zag er zoo komiek uit, zooals zij daar stond in haar oud, kort, rose
-japonnetje, een hoed met beschadigden rand op hare donkere krullen,
-met glinsterende oogen, blozende wangen, de groote zeis in hare handen,
-en de uitdagende woorden op hare lippen.
-
-Hij kwam naar beneden en onderzocht haar werk: het was uitstekend
-gedaan, evenals de meeste dingen die Miss Judy ondernam--met inbegrip
-van kattekwaad, en hare kleine, met zwarte kousen bekleede beenen
-bevonden zich in den besten welstand.
-
-"Nu, je kunt er dan mede voortgaan, vooral daar Pat het druk heeft. Hoe
-heb je leeren maaien, talentvolle jonge dame?"--hij zag haar vragend
-aan.--"En hoe kwam je er toe, je zelve zulk een taak te stellen?"
-
-Judy streek met eene vlugge beweging hare krullen van haar verhit
-voorhoofd.
-
-"Wel, ten eerste, vond ik het noodig, en ten tweede: "houd ik niet
-van u, en is het niet mijn streven, u te behagen?""
-
-Langzaam en in gedachten verdiept ging hij weer het huis binnen. Judy
-was hem altijd een raadsel. Hij begreep haar het minst van al zijne
-kinderen, en somtijds bekommerde hem de gedachte aan haar. Vooralsnog
-was zij niets dan een bijdehand, knap, en dikwijls impertinent kind;
-maar hij gevoelde, dat zij geheel verschillend was van de overige zes,
-en als hij hieraan dacht, wat echter niet zeer dikwijls gebeurde,
-verontrustte hem eene zekere angstige bezorgdheid.
-
-Hij herinnerde zich, dat hare eigen moeder dikwijls gezegd had,
-hoe zij voor Judy's toekomst beefde. Dat rustelooze vuur, dat uit
-hare schitterende oogen flikkerde, eene hoogroode, opgewonden kleur
-op hare wangen te voorschijn riep, en eene verbazende veerkracht
-en bewegelijkheid aan haar jong, klein lichaam verleende, zou van
-haar of eene edele, moedige, schitterende vrouw maken, of zij zou
-schipbreuk lijden op rotsen, die de anderen nooit zouden bereiken,
-en dan zou het vuur hooger en hooger opvlammen, en haar verteeren.
-
-"Pas goed op, Judy!" waren bijna de laatste woorden van de bezorgde
-moeder geweest, toen, in het licht, dat komt als dat van deze wereld
-voor ons verdwijnt, zij met vreeselijke helderheid de steenen en
-struikelblokken op het pad had gezien van dit paar kleine, vlugge
-voeten.
-
-En zij was gestorven, en Judy zocht zich al tastend en struikelend
-haar weg, en haar vader kon niet "op haar passen", omdat hij volstrekt
-niet wist, hoe hij dit zou doen.
-
-Toen hij de trap der veranda weer op ging en de vestibule doorliep,
-vervulde hem de wensch, die bijna de innigheid van eene bede had, dat
-hare natuur niet zoo geheel verschillend van die der anderen ware,
-en gaarne had hij in zich de kracht gevoeld, om dien vreemden geest
-uit haar te bannen, die hem tusschenbeide zoo ongerust maakte.
-
-Hij blies den rook van zijne sigaar in eene groote wolk voor zich uit,
-en zuchtte diep; toen keerde hij zich om, en begaf zich naar den stal
-om alles te vergeten.
-
-De knecht was weg, hij reed een der paarden op het groote grasveld af;
-maar er was een gedruisch in de tuigkamer, en dus ging hij daarbinnen.
-
-Daar stond eene kleine druipende gestalte over een hooge tobbe gebogen,
-die met grooten ijver iets scheen onder te dompelen en uit het water
-te halen.
-
-Bij het geluid van zijne voetstappen, draaide Baby het hoofd om,
-en zag hem met haar guitig klein gezichtje aan.
-
-"Ik wasch de poesjes voor u, en ook Flibberty-Gibbet!" zeide zij
-stralend.
-
-Vol schrik kwam hij eene schrede nader.
-
-Daar zag hij twee katjes, op welke hij bijzonder gesteld was,
-en die trillend, ellendig, tot aan den hals in het zeepsop zaten,
-en Flibberty-Gibbet, de mooie kleine fox-terriër, dien hij juist
-voor zijne vrouw gekocht had, was aan den deurpost vastgebonden,
-ook hij was nat, bevend en in hoogst treurigen toestand, ook hij was
-slachtoffer van deze schoonmaakwoede, en werd geborsteld en gewreven
-tot hem hooren en zien vergingen.
-
-"Zij zijn nu zoo schoon en netjes--en hebben geen vieze vlooien
-meer! Is u niet blij? Flibberty kan u nu gerust op uw bed laten
-springen, en Kitsy Blackeye is--"
-
-De arme Baby eindigde haar zin niet. Zij had later eene verwarde
-herinnering van hetgeen nu volgde, dat hierop neerkwam, dat zij een
-"krachtig woord" van haar vader hoorde, op de meest onvriendelijke
-manier door elkaar geschud en den stal werd uitgezet, terwijl de
-rampzalige dieren gedroogd werden en met de grootste omzichtigheid
-behandeld. Maar het ergste zou nu nog komen, en het resultaat
-beantwoordde zoo weinig aan het doel, dat de jonge Woolcot's het
-besluit namen, nooit weer deugden te willen toonen, die zij niet
-bezaten.
-
-Bunby wenschte natuurlijk ook de goede zaak even hard te bevorderen
-als de anderen, en met dit doel voor oogen was het zijn eerste werk
-naar zijne slaapkamer te gaan, en zijn gezicht, hals en handen een
-grondige reiniging te doen ondergaan. Toen wandelde hij met zijne
-van zeep glimmende wangen en roodgeschuierde handen naar beneden en
-plaatste zich binnen den gezichtskring van zijn vader, in de hoop
-eene goedgunstige opmerking uit te lokken.
-
-Maar hem werd op ongeduldigen toon: "Ga spelen!" toegevoegd, en
-dus begreep hij, dat hij andere middelen moest vinden om zijn vader
-te verteederen.
-
-Hij liep naar de studeerkamer, met het vage plan om de keurig
-gerangschikte stapels boeken op te ruimen, maar Pip zat daar, omringd
-van boeken en bezig met een houtje voor een catapult af te schillen,
-dus ging hij weer heen. Toen klom hij de trap op en verkende zijn
-vaders slaapvertrek en kleedkamer. In de laatste was oneindig veel
-gelegenheid, zijn goeden wil te toonen. Een gala-uniform lag dwars over
-een stoel en het viel Bunby op, dat de gouden knoopen niet zoo blonken
-als zij eigenlijk doen moesten, en dus bracht hij een welbesteed
-kwartier door met ze te poetsen. Daarna wreef hij eenige sporen op;
-de tijd, dien hij hieraan gaf, was natuurlijk even welbesteed. Toen
-keek hij rond naar eene nieuwe bezigheid.
-
-Een geheele kolonie van stoffige laarzen bevond zich in een hoek van
-de kamer, en eene groote flesch met een zwart, strooperig vernis
-stond op den schoorsteenmantel. Bunby werd door het schitterende
-denkbeeld, ze allemaal schoon te maken en netjes op eene rij te
-plaatsen, bezield, in de hoop, dat "de verrukte blikken" van zijn
-vader er op zouden vallen. Hij vond op den vloer een handdoek van
-het fijnste Kamerrijksche linnen, die evenwel gebruikt was, goot er
-een groote plas vernis op en viel op het eerste paar aan.
-
-Een schitterend glanzen beloonde hem, want het vernis was juist
-voor het leder dezer laarzen bestemd; maar het volgende en het
-volgende en het volgende paar wilde niet glimmen, hoe hard hij ook
-wreef. Daar weerklonk een stap op de trap, de vaste, welbekende stap
-van zijn vader, en hij hield een oogenblik op met eene uitdrukking
-van zelfbewuste deugdzaamheid op het kleine tevreden gezicht.
-
-Maar deze uitdrukking verdween, en een doodelijke schrik deed
-Bunby verstijven. Hij had de flesch voor het gemak op een grooten
-armstoel gezet, daar hij op den grond zat, en nu bemerkte hij dat
-zij omgevallen was en dat er een afschuwelijke, zwarte stroom uit
-zijn hals kwam geloopen.
-
-En het was de stoel waarop het uniform was uitgebreid en een der mouwen
-was overgoten met het vocht, en een mooi wit hemd, dat daar ook lag,
-wachtende op een knoop, was overal gevlekt door het kleverige goed,
-vreeselijk! Bunby keek met een woesten, doodelijk verschrikten blik de
-kamer rond, om een plek te vinden, waar hij zich zou kunnen verbergen,
-maar er waren geen hoekjes of gordijnen waar hij zich kon verschuilen,
-en er was geen tijd om de slaapkamer binnen te vliegen en onder
-het bed te kruipen. Dicht bij het raam was een groote medicijnkast,
-en in zijne wanhoop wierp Bunby er zich in, trok zijne beenen naar
-zich toe en verborg zijn hoofd tusschen zijne knieën, terwijl een
-onheilspellend gerinkel van omgeworpen flesschen in zijne ooren
-suisde. Het volgend oogenblik was zijn vader in de kamer.
-
-"Groote hemel! God bewaar me!" zeide hij, en Bunby trilde van het
-hoofd tot de voeten.
-
-Toen bromde hij een reeks woorden zeer snel achter elkander--"in eene
-vreemde taal" zooals Judy hiervan zeide; gooide iets omver, en riep
-"Esther!" op schrikwekkenden toon. Maar Esther was buiten op een der
-grasvelden met den Generaal, en dus kwam er geen antwoord.
-
-Meer woorden in eene vreemde taal, meer gestamp op den grond.
-
-Bunby's tanden sloegen met geweld op elkander; hij bracht zijne hand
-omhoog, om zijn mond dicht te houden, en de kast, die nu het evenwicht
-verloor, viel voorover, waardoor zijn bewoner voor zijn vaders voeten,
-en de flesschen naar alle kanten buitelden.
-
-"Ik heb het niet gedaan--ik kan het--niet helpen!" huilde hij,
-achterwaarts naar de deur loopende. "O--neen--boe--hoe--oe!
-Esther--boe--ja--Judy--o--o! o!" Zooals te verwachten was, had
-zijn vader een riem ter hand genomen, die daar door een gedienstig
-toeval lag, en was bezig, er zijn zoon een geducht pak slaag mede
-toe te dienen.
-
-"O--o! o! A--a! ik kan het--niet helpen! Het is de schuld van Pip--en
-Judy--o! de pantomime! boe--hoe! a! u slaat me dood! O--o!--ik deed
-het alleen--ik deed het alleen--om u een genoegen te doen!"
-
-Zijn vader hield op met omhooggeheven riem. "En daarom dus gedraagt
-de een zich nog zotter dan de ander? Omdat ik jelui mee zou nemen
-naar de pantomime?"
-
-Bunby trok zich los. "Boe--hoe--ja! Maar ik heb het niet bedacht--ik
-niet--ik kan het niet helpen!--O--a!--ik heb het niet gedaan--de
-anderen hebben het gedaan--boe--hoe--hoe! Geef u hun slaag, de
-anderen!"
-
-Hij kreeg nog drie flinke klappen en vluchtte toen huilend en kermend
-naar de kinderkamer, waar hij op den grond rolde en met zijne beenen
-schopte en zich in bochten wrong alsof hij half doodgeslagen was.
-
-"Jelui gluiperts!" snikte hij, toen de anderen van alle kanten
-waren komen aanloopen, verschrikt door zijne luidruchtige klachten,
-"jelui gemeene kinderen!--Ik heb--geen kip--gehad! En ik heb--al de
-slaag--gekregen! Jelui gluiperts--o--o! a--a!o--o! Ik bloed overal,
-dat weet ik zeker!"
-
-Zij konden er niets aan doen, dat zij even moesten lachen; Bunby was
-altijd zoo onuitsprekelijk komiek als hij zich maar even bezeerd had;
-maar toch zochten zij hem zoo goed mogelijk te bedaren, en beproefden
-te weten te komen, wat er gebeurd was.
-
-Esther kwam thans de kamer binnen, zij zag er zeer ontstemd uit.
-
-"Nu?" zeiden zij als uit één mond.
-
-"Jelui zijt de lastigste kinderen, die ik ooit gezien heb!" zeide
-zij boos.
-
-"Maar de pantomime--gauw, Esther--heb je het hem gevraagd?" riepen
-zij ongeduldig.
-
-"De pantomime! Hij zegt, dat hij nog liever hemel en aarde zou willen
-bewegen om de voorstelling te verhinderen, dan dat een van jelui er
-ook maar iets van te zien zou krijgen--en jelui hebt dat dubbel en
-dwars verdiend! Meg, wat ik je bidden mag--doe Baby droge kleeren aan,
-kijk eens naar haar; en, Judy, als je nog het minste voor mij voelt,
-doe dan die japon uit. Bunby, stoute jongen, ik zal je vader roepen,
-als je niet ophoudt met zulk een leven te maken. Nell, neem den
-Generaal die schaar af, hij zal zich de oogen nog uitsteken."
-
-De jonge stiefmoeder leunde achterover in haar stoel, en keek met
-een tragischen blik om zich heen. Zij had haar echtgenoot nog nooit
-zoo hevig vertoornd gezien, en haar mooie mond trilde, toen zij er
-aan dacht, hoe hij haar voor alles scheen aansprakelijk te stellen.
-
-Meg was niet van hare plaats opgestaan; het water droop langzaam uit
-Baby's kleederen en maakte een plas op den grond, Bunby stootte nog
-steeds een krampachtig gesnik uit, Judy was aan het fluiten, en de
-Generaal, nu beroofd van de schaar, begon zijn eigen vuil schoentje
-af te likken met zijne lieve, kleine, roode tong.
-
-Een snik wrong haar de keel dicht, twee tranen welden er in hare oogen,
-en liepen haar langs de zachte, liefelijke wangen.
-
-"Jelui zijt met je zevenen, en ik ben nog maar twintig!" zeide zij
-jammerend, "O! het is te erg--werkelijk, het is te erg!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK IV.
-
-DE GENERAAL IN DE KAZERNE.
-
-
-Het was een dag na "de gebeurtenissen van het vorige hoofdstuk" zooals
-in vertelselboeken zou te lezen zijn. En Judy zat, met eene toornige
-uitdrukking van spijt in hare oogen, op de tafel der kinderkamer,
-hare knieën tot haar kin opgetrokken, en hare magere bruine handen
-om hare beenen gevouwen.
-
-"Het is eene schandelijke behandeling," zeide zij, "eene
-onvergevelijke, schandelijke behandeling! Waarvoor zijn vaders
-eigenlijk op de wereld, dat zou ik wel eens willen weten!"
-
-"O Judy!" zeide Meg, die, verdiept in haar boek, in een stoel gedoken
-zat. Maar zij zeide het werktuigelijk, en alleen omdat dit--zij was
-immers drie jaren ouder dan Judy--haar plicht was.
-
-"Denk eens aan de heerlijke dagen, die wij zouden kunnen
-hebben, als hij er niet was!" ging Judy voort, met kalme
-onverschilligheid. "Minstens drie keer op een dag zouden we kip eten,
-en zeven avonden van de week naar de pantomime gaan."
-
-Nell maakte de opmerking, dat het geene gewoonte was op den eersten
-dag der week eene voorstelling bij te wonen, maar Judy liet zich niet
-uit het veld slaan.
-
-"Ik zou dan eene soort van kerkelijke pantomime willen hebben," zeide
-zij peinzend,--"mooie afbeeldingen en van allerlei, dat betrekking
-heeft op het Heilige Land, en eene liefelijke muziek, en mooie kinderen
-in het wit, die lofliederen zingen, en schitterende kleuren overal,
-en geen collecteschalen waar je je laatste geld op moet leggen--o! en
-geen preeken of litaniën natuurlijk!"
-
-"O Judy!" murmelde Meg, een blad omslaande. Judy opende hare
-handen en sloot ze weer, nog vaster dan te voren. "Zes billetten
-weggegooid--dertig kostbare shillings--en dat alleen omdat wij een
-vader hebben!"
-
-"Hij heeft ze naar de familie Digby-Smith gezonden," vertelde Bunby
-ongevraagd, "en op de enveloppe had hij geschreven: "Met beleefde
-groeten.--J. C. Woolcot.""
-
-Judy steunde. "Ik zie de zes afschuwelijke kleine Digby-Smith's al
-in de komedie zitten, en met hunne zes afschuwelijke oogjes naar onze
-pret kijken!" zeide zij bitter.
-
-Bunby, die veel mathematisch gevoel had, verklaarde gaarne te willen
-weten, waarom zij er niet door hun twaalf afschuwelijke kleine
-oogjes naar zouden gekeken hebben, en Judy lachte en sprong van
-de tafel, nadat zij den misdadigen wensch had uitgesproken, dat de
-kleine Digby-Smith's allen over de leuning van de loge zouden mogen
-duikelen, eer het gordijn opging. Meg deed haar boek dicht met een
-haastigen slag.
-
-"Is Pip al weg? Vader zal vreeselijk boos zijn. O hemel wat heb ik
-toch een garnalen-geheugen!" zeide zij. "Waar is Esther? heeft iemand
-Esther gezien?"
-
-"Maar lieve Meg!" zeide Judy. "Het is minstens twee uur geleden, dat
-Esther uitgereden is, je stond er zelf bij! Zij is naar Waverly--zij
-is nog naar je toe gekomen, en heeft je gezegd, dat zij er op rekende,
-dat jij voor de jas zou zorgen, en je zeide: "Mevrouw, u zal tevreden
-zijn!""
-
-Meg, die zich nu alles herinnerde, keek met een verschrikten blik
-rond. "Moest ik de jas schoonmaken?" vraagde zij angstig, terwijl zij
-haar mooi, zwart haar uit haar voorhoofd streek. "O, kinderen! wat
-moest ik ook weer doen?"
-
-"De jas schoonmaken met benzine, haar strijken terwijl zij nog vochtig
-was, haar in eene koele plaats ophangen om haar warm te houden,
-en haar bakken tot ze bruin wordt," zeide Judy vlug. "Dat heb je
-toch zeker gehoord, Margaret? Esther heeft zooveel moeite gehad om
-je alles uit te leggen."
-
-"Wat zal ik beginnen?" zeide zij, en werkelijk sprongen er tranen
-in haar oogen. "Wat zal vader zeggen? O, Judy, je hadt mij wel eens
-kunnen helpen herinneren."
-
-Nell sloeg haar arm om haar zusters hals. "Zij plaagt je maar wat,
-Megsie; Esther heeft alles al gedaan en heeft de jas in de vestibule
-klaar gelegd--je hebt haar alleen maar aan Pip te geven. Pat moet
-van middag met den dogcart naar de stad gaan om de kussens van de
-achterbank te laten repareeren, en Pip gaat mee, dat is alles, en er
-wordt nu ingespannen; je bent niet te laat."
-
-Het was de jas, die Bunby naar zijn beste weten bedorven had, die al
-deze drukte veroorzaakte. Zij behoorde, als ik reeds zeide, tot het
-gala-uniform van den kapitein, en hij moest haar dien zelfden avond
-op een diner in de kazerne dragen. Esther was den geheelen morgen
-bezig geweest, haar af te sponsen en schoon te maken en had toen zij
-wegging, gezegd, dat het kleedingstuk in den middag naar de kazerne
-moest gebracht worden.
-
-De dogcart kwam op dit oogenblik met een breeden boog naar de voordeur
-gereden, Pip mende, en Pat keek uit de hoogte op hem toe. Zij namen
-het pak dat de jas bevatte, aan, legden het zorgvuldig onder de bank,
-en waren op het punt weer te vertrekken, toen Judy zich op de veranda
-vertoonde, den Generaal onhandig in hare armen houdend.
-
-"Jij gaat ook mee, Fizz, er is nog een bergplaats, er is geen eene
-reden waarom je niet zoudt meegaan," zeide Pip op eens.
-
-"O!" riep Judy, en hare oogen begonnen te schitteren. Zij deed haastig
-een stap vooruit en lichtte één voet op, om in te stappen.
-
-"O, wacht eens even!" protesteerde Pip, "je zult iets over die japon
-moeten aantrekken, meisje!--zij is vol jam en vlekken!"
-
-Judy vloog de vestibule in, en kwam terug met haar regenmantel;
-zij zette den Generaal één oogenblik op den grond, terwijl zij den
-mantel aantrok, tilde haar broertje toen weer op, en gaf hem Pip aan.
-
-"Hij zal ook mee moeten," zeide zij, "ik heb Esther beloofd, dat
-ik hem geen seconde uit het oog zou verliezen; in den laatsten tijd
-begint zij erg bezorgd voor hem te worden--ik geloof, dat zij denkt,
-dat hij nog eens zal breken."
-
-Pip bromde een paar minuten, maar de Generaal stootte een
-onweerstaanbaar, verrukt lachje uit, en hield zijne armpjes omhoog, dus
-nam hij hem aan en hield hem vast, terwijl Judy in het rijtuigje klom.
-
-"Wij kunnen met den tram naar de Kade teruggaan, en dan met een boot
-naar huis komen," zeide zij, terwijl zij het kindje tusschen zich en
-haar broer op de bank drukte. "De Generaal vindt het wat heerlijk op
-het water!"
-
-En zij reden weg, de verwaarloosde oprijlaan uit, het hek door, en
-toen den weg op, Pip, Judy met de glinsterende oogen, de Generaal,
-die zijn duim zat te verslinden, en, Pat, weer glimlachend, omdat
-hij de teugels weer in handen had.
-
-Een frissche wind kwam van de rivier door den gordel van gomboomen
-waaien, die hare oevers omgaf, en deed het jonge, roode bloed snel
-door hunne aderen stroomen; hij stoeide met Judy's krullen, en gaf
-eene warme roode tint aan hare bruine wangen; hij maakte den Generaal
-onrustig en weerspannig, zoodat hij kraaide en om zich heen sloeg,
-en bracht Pip er toe, zijn hoed achter op zijn hoofd te zetten en
-vroolijk een liedje te fluiten.
-
-Dit duurde zoo voort, tot zij de stad bijna bereikt hadden en
-genoodzaakt waren zich naar de eischen der welvoegelijkheid te
-schikken.
-
-Zij ontmoetten een ruiter, die toen hij hun zag, zijn paard stapvoets
-liet loopen. Pip nam zijn hoed af met een sierlijken zwaai, en
-Judy glimlachte vriendelijk en blijkbaar aangenaam verrast, want de
-ruiter was een oude kolonel, dien zij reeds jaren kenden, en wiens
-opgeruimdheid en vrijgevigheid zij met reden dankbaar konden herdenken.
-
-"Wel, mijn kleine meid,--wel, Pip, mijn jongen!" zeide hij, goedhartig
-glimlachend, terwijl zijn paard om den dogcart danste,--"en de Generaal
-ook al? Waar gaan jelui heen?"
-
-"Naar de kazerne, ik heb een pak bij me voor den ouden
-heer!" antwoordde Pip. Judy sloeg het trappelende paard met
-bewonderende oogen gade. "En dan gaan we weer naar huis."
-
-Het gelukte den kolonel, niettegenstaande de onrustige bewegingen
-van het paard, zijne hand in zijn zak te steken. "Hier hebben jelui
-iets waarmede je je zelf ziek kunt maken onder weg," zeide hij,
-en gaf hun twee halve kronen, "maar zend me niet de doktersrekening!"
-
-Hij streelde de wang van den Generaal met zijn rijzweep, knikte Judy
-toe, en hield zijn onrustig paard niet langer tegen.
-
-De kinderen keken elkander met schitterende oogen aan.
-
-"Kokosnoten," zeide Pip, "en taartjes en koffie, en de rest bewaren
-we voor een voetbal?" Judy schudde het hoofd.
-
-"Wat zou ik daaraan hebben?" zeide hij. "Je zoudt den voetbal op
-school bewaren. Ik stem voor jujubes, en roomijs, en een wassen pop."
-
-"Een wassen grootmoeder!" riep Pip verontwaardigd. "Zoo gek zal je toch
-niet zijn!" Toen voegde hij er bijna met eerbiedige bewondering bij:
-"Wat een geluk dat je altijd poppen verfoeid hebt, Fizz!"
-
-Judy sprong plotseling op hare plaats omhoog, zoodat de Generaal
-bijna omvergeworpen werd, en de koetsier een stroom van verwijten
-over haar uitstortte. "Ik weet al iets!" riep zij, "en we zijn al
-bijna halverwege: o! dat zal heerlijk zijn!"
-
-Pip verzocht haar, duidelijk hare plannen mee te deelen.
-
-"Laten we gaan naar het Bondi-Aquarium,--daar kunnen we op
-rolletjesschaatsen rijden, varen, in den draaimolen zitten, ook in de
-Montagne russe, alles even goedkoop!" antwoordde zij vlug en beknopt.
-
-"Goede hemel!" Pip floot zacht, terwijl hij het voorstel overwoog. "Er
-kon dan zelfs nog wat overschieten voor den voetbal." Toen betrok
-zijn gezicht.
-
-"Maar we hebben het kleine kind bij ons--Waarom heb je hem mee
-gebracht? Dat is nu weer echt meisjesachtig, om alles te bederven!"
-
-Judy keek verlegen voor zich. "Ik had hem heelemaal vergeten!" zeide
-zij boos. "Kunnen wij hem niet ergens heenbrengen? Kunnen wij niet
-aan iemand vragen, om op hem te passen, terwijl wij naar het Aquarium
-gaan? Het zou vreeselijk vervelend zijn, als wij ons plan moesten
-opgeven om hem. En het begint ook al te regenen, we zouden hem niet
-mee kunnen nemen."
-
-Zij waren nu aan den voet van den heuvel gekomen, waarop de kazerne
-staat, en Pat zeide hun, dat zij uit moesten stappen en het overige
-van den weg te voet afleggen, want anders zou de dogcart onmogelijk
-vóór den avond weer in orde kunnen zijn.
-
-Pip sprong op den grond en nam den Generaal, als een bundeltje uit
-den wagen, en Judy volgde hem voorzichtig, het kostbare pakket dat de
-jas bevatte, in hare armen. En zij wandelden stilzwijgend den heuvel
-van asphalt op naar het hek, dat toegang gaf tot de officierswoningen.
-
-"Nu?" zeide Pip op klagenden toon, toen zij den top bereikten. "Gauw
-wat, heb je niets bedacht?"
-
-Wanneer zijne zuster, evenals nu, hare wenkbrauwen optrok, en
-hare lippen vast toekneep, kon hij er zeker van zijn, dat zij eene
-ingewikkelde moeielijkheid trachtte op te lossen.
-
-"Ja," zeide Judy eindelijk kalm. "Ik heb een plan, dat wel lukken zal,
-denk ik." En toen vervolgde zij met plotselinge opgewondenheid:
-
-"Wie is de vader van den Generaal? dat zou ik wel eens willen weten! Is
-het niet gepast en behoorlijk, dat vaders naar hunne zoons omzien? En
-verdient hij niet, dat wij hem kwaad met kwaad vergelden, nu hij de
-kaarten van de pantomime heeft weg gegeven? En is het Aquarium niet
-veel te verrukkelijk om er niet heen gaan?"
-
-"Nu?" zeide Pip, zijn trager verstand kon zulk eene vlugge redeneering
-niet volgen.
-
-"Ik ben alleen maar van plan den Generaal een paar uren in de kazerne
-achter te laten, tot wij terug komen, want volgens mij is zijn vader
-de aangewezen persoon om op hem te passen." Judy nam vastberaden het
-kleine dikke handje van den Generaal, en opende het hek.
-
-"Nu," sprak Pip, "ik geloof, dat we bezig zijn, er ons leelijk in te
-werken. Laten wij dat maar liever niet doen!"
-
-"Wel waarom niet?" antwoordde Judy uitdagend. "Het zal nog wel niet
-zoo slecht afloopen, en, in ieder geval, wij moeten iets voor het
-Aquarium overhebben. Kijk eens hoe het regent; het kind zou de kroep
-of rheumatiek kunnen krijgen, als wij hem mee namen! Daar staat vader
-te praten met een man dicht bij het tennisveld; ik zal stilletjes
-langs de veranda loopen, en naar zijne eigen kamer gaan, en de jas en
-den Generaal op zijn bed leggen; dan zal ik tegen een soldaat zeggen,
-dat hij vader moet gaan vertellen, dat zijne pakketten gekomen zijn,
-en terwijl dat gebeurt, vlieg ik hierheen terug, en nemen wij den tram,
-om naar het Aquarium te komen."
-
-Pip floot wederom zachtjes. Hij was gewend aan overmoedige voorstellen
-van deze zuster van hem, maar dit overtrof alle vroegere. "Maar,"
-zeide hij, niet recht op zijn gemak, "maar Judy, wat zal hij uitvoeren
-twee uren lang met ons kleine ventje?"
-
-"Dat is zijn zaak," antwoordde Judy gevat. "Het zou wat moois
-zijn, als een vader zijn eigen kind niet twee uren lang zou kunnen
-bezighouden. Naderhand, als we in het Aquarium geweest zijn, komen
-we terug om hem te halen, en dan kunnen we vader zeggen, dat het zoo
-regende, en dat we het beter vonden hem niet mede te nemen uit angst
-voor rheumatiek, en dat we zulk eene haast hadden om den tram nog te
-krijgen, en dat wij omdat hij niet in zijne kamer was, den Generaal
-maar zoolang op zijn bed hadden gezet. Nu, Pip, dat is toch alles
-heel eenvoudig!"
-
-Pip keek nog altijd niet heel opgewekt. "Ik vind, dat wij het liever
-niet moeten doen, Fizz!" zeide hij nog eens; "hij zal woedend zijn!"
-
-Judy keek hem vol ongeduld aan. "Ga eens kijken of de tram al komt,"
-zeide zij; en, verheugd een oogenblik uitstel te winnen, liep hij
-het pad af, en keek in de richting, vanwaar de tram moest komen. Toen
-hij zich omdraaide was zij verdwenen.
-
-Hij stopte zijne handen in zijne zakken en wandelde verscheiden
-malen het pad op en neer, "Fizz zal ons nog eens allemaal doen
-ophangen!" gromde hij, en keek donker naar de deur in den muur door
-welke zij verdwenen was.
-
-Hij schoof zijn hoed naar achteren en beschouwde zijne laarzen,
-er over peinzende, welke de gevolgen van dit nieuwe misdrijf zouden
-zijn. Opeens hoorde hij een lichten voetstap naast zich.
-
-"Ga nu mee!" zeide Judy, en trok hem bij de mouw. "Alles is in orde, ga
-nu mee en laten we pret maken; heb je het geld goed bij je gestoken?"
-
-Het was één uur, toen zij het hek uit gingen en van den heuvel naar
-de halte van den tram keken.
-
-En het was half vijf toen zij uit een naar de stad rijdenden tram
-sprongen en het hek weer binnen gingen, om het hun toevertrouwde
-te halen.
-
-Welk een heerlijken middag hadden zij gehad! Eenmaal in het Aquarium,
-had zelfs Pip zijn geweten tot zwijgen gebracht, en was er uitsluitend
-op bedacht geweest, zooveel mogelijk plezier te hebben. En Judy
-gedroeg zich als een klein dol wezen. Een shilling van haar geld gaf
-ze aan de Montagne russe, de vlugge, bedwelmende beweging vond zij
-"hemelsch." De eerste rit maakte Pip duizelig en draaierig, zoodat hij
-een tweeden zorgvuldig vermeed, en naar Judy bleef kijken, die telkens
-weer opnieuw vertrok, en hem uit het ranke kleine wagentje vroolijk toe
-wuifde terwijl hij duizend angsten voor haar uitstond. Daarop huurden
-zij ieder een paar rolletjesschaatsen, en vielen zich bont en blauw op
-het asphalt. Toen gingen zij in de draaimolen zitten, maar Judy vond
-dit een laf vermaak na de Montagne russe, en weigerde er verder geld
-voor uit geven; zij vergenoegde zich met naar Pip te kijken, die rond
-vloog, en beproefde hem telkens zoo lang mogelijk hard loopend bij te
-houden. Zij eindigden den middag met een eene langdurige inspectie van
-de visschen, deden zich te goed aan geleitaartjes van twijfelachtige
-verschheid, en kochten voor twee stuivers aardnoten. En, zooals ik
-reeds zeide, was het half vijf toen zij het pad opsnelden naar het
-bovenste hek der kazerne.
-
-"Ik hoop maar, dat hij zoet geweest is!" zeide Judy, terwijl zij
-den knop omdraaide. "Neen, Pip jij gaat ook mede,"--want dit jonge
-mensch scheen zich te willen terugtrekken. "Als je twintig schoppen
-of slagen over twee verdeelt krijgt elk maar tien!"
-
-Zij liepen langs de steenen veranda en bleven bij eene deur stil staan.
-
-Eene kleine groep jonge officieren stond daar dicht bij te praten en
-te lachen.
-
-"Op mijn woord, het was even amusant als eene comedie, om te zien
-hoe Wooly zijn jongsten spruit stevig vast hield, hem in een rijtuig
-stopte, er zelf ook in ging en dit alles met een innig verontwaardigd
-gezicht."
-
-Een andere blies den rook van zijne sigaar in de lucht. "Het was een
-grappige kleine baas," zeide hij. "Hij balde zijne vuistjes en duwde
-er een in het oog van zijn WelEdelgestrengen; en toen schopte hij
-zijn schoentje uit, en wij haastten ons allen om het op te rapen,
-en het was vuil en versleten, en de oude Wooly werd langzaam geheel
-rood tot achter zijne ooren, toen hij beproefde, het zijnen zoon aan
-te trekken."
-
-Eene kleine gestalte stapte opeens naar het midden der groep,--eene
-kleine gestalte met een onmogelijk korten en kalen ulster, dunne,
-met zwarte kousen bekleede beenen, en een grooten hoed, die een
-overvloed van krullen overschaduwde.
-
-"U spreekt over mijn vader," zeide zij, het hoofd in den nek, zeer
-uit de hoogte, "ik begrijp niet, waarom u zich vroolijk maakt. Is
-mijn vader hier, of hoorde ik u zeggen, dat hij is heengegaan?"
-
-Twee der heeren keken min of meer verlegen, de derde groette beleefd.
-
-"Het spijt mij, dat u ons gesprek gehoord heeft, Miss Woolcot!" zeide
-hij op wellevenden toon. "Maar, er is geen onherstelbaar kwaad
-verricht, nietwaar? Ja, uw vader is in een rijtuig vertrokken. Hij
-kon niet begrijpen, hoe de kleine jongen op zijn bed kwam, en, daar
-hij hem hier niet goed kon houden, veronderstel ik, dat hij hem naar
-huis gebracht heeft."
-
-Iets als eene uitdrukking van berouw kwam in Judy's heldere oogen.
-
-"Ik vrees mijn vader in ongelegenheid gebracht te hebben!" zeide
-zij kalm. "Ik heb mijn broertje hier gebracht, omdat ik niet wist,
-waar ik hem een paar uur lang zou laten. Maar ik had er op gerekend,
-hem zelf naar huis te brengen. Is mijn vader al lang weg?"
-
-"Ongeveer een half uur," zeide de officier, die zijn best deed niet
-te glimlachen over de ouderwetsche manieren van het kleine meisje.
-
-"O, dank u wel. Wij zullen hem misschien nog kunnen opvangen. Kom,
-Pip!" en, ernstig en uit de hoogte groetend, draaide zij zich om,
-en liep met haar broeder weer langs de veranda en door het hek
-naar buiten.
-
-"Daar hebben we ons ook mooi ingewerkt!" zeide hij. Judy knikte.
-
-"Het is zoo ongeveer het allerergste, wat wij ooit in ons leven
-uitgevoerd hebben. Stel je vader voor in een rijtuig met dat kleine
-kind! O goede hemel!"
-
-Judy knikte nogmaals.
-
-"Kan je niet spreken?" zeide hij ongeduldig. "Jij hebt ons dit
-alles op den hals gehaald--ik vond het niet goed, dat we het deden;
-maar natuurlijk, ik zal je niet verlaten. Alleen moet je nu zoo gauw
-mogelijk een uitweg bedenken."
-
-Judy beet op drie vingertoppen van haar rechter handschoen, en keek
-treurig voor zich uit.
-
-"We kunnen niets beginnen, Pip!" zeide zij langzaam. "Ik had niet
-gedacht, dat het zoo zou eindigen. Ik geloof, dat het 't beste is,
-als we maar dadelijk naar huis gaan en ons overleveren om gestraft
-te worden. Hij zal te woedend zijn, om naar eene verontschuldiging
-te luisteren, en dus moeten we ons maar goed houden, en afwachten,
-wat hij doen zal. Het spijt mij vreeselijk, dat ik oorzaak ben,
-dat de officieren om hem hebben kunnen lachen."
-
-Pip kon zich niet langer goedhouden. Hij noemde haar een ezel en een
-stommeling en een idioot, omdat zij dit gedaan had, en zij zeide in
-het geheel niets terug.
-
-Zij namen den tram, en begaven zich naar Sydney, en daarop naar de
-boot. Zij kropen in een hoekje, dat zoo ver mogelijk van de kajuit
-verwijderd was, en praatten met grooten ernst over den stand der
-zaken. Na eene poos stond Pip op en liep wat rond om tot andere
-gedachten te komen, tot hij opeens terug kwam met een doodsbleek,
-strak gelaat.
-
-"Hij is op de boot!" fluisterde hij doodelijk ontsteld.
-
-"Waar--waar--waar? wat--wat--wat?" riep Judy.
-
-"In de kajuit, hij kijkt zoo nijdig als een spin, en houdt den armen
-kleinen Generaal zoo stevig vast, alsof hij bang was, dat hij weg
-zal vliegen."
-
-Judy keek verschrikt rond.
-
-"Kunnen we ons niet verstoppen? Als hij ons maar niet te zien
-krijgt! Het zou nu toch niets geven, of we hem vraagden, den Generaal
-aan ons te geven. We zijn ingerekend, Pip--hij geeft geen kwartier."
-
-Pip bromde iets; Judy stond op.
-
-"Laten we naar de machine kruipen," zeide zij, "en eens kijken of
-hij er erg boos uitziet."
-
-Zij liepen met groote voorzorg over het dek, en posteerden zich zóó,
-dat zij konden zien zonder gezien te worden. De lieve kleine Generaal
-zat naast zijn ernstigen vader, die den rug van zijn wollen jasje
-stevig vast hield. Hij zoog op zijn vuil handje, en wierp nu en dan
-verlangende blikken naar zijn bruinleeren schoentje, waarop hij,
-zooals hij wist, heerlijk zou kunnen bijten. Een paar maal had hij
-het uitgetrokken en naar zijn mond gebracht, maar zijn vader was
-tusschenbeide gekomen, en had het kleedingstuk weer, op de plaats,
-waar het behoorde te zijn, dichtgeknoopt. Hij zou ook wel heel gaarne
-van die akelige bank zijn gegleden, en over het dek hebben gekropen,
-en hebben onderzocht, wat er al zoo onder de banken te kijk was,
-en waar dat proestende geluid van daan kwam; maar hij voelde een
-ijzeren greep aan zijn jasje, dien geen spartelen of wringen kon
-losser maken. Geen wonder dat het arme kind ongelukkig keek!
-
-Eindelijk legde de boot aan niet ver van Misrule, en de kapitein
-stapte aan wal, zijn morsig zoontje stevig in zijne armen dragend. Hij
-wandelde langzaam den rooden weg op, dien de dogcart een zes of zeven
-uur geleden met zulk een opgewekten spoed afgelegd had, en Judy en Pip
-volgden op een eerbiedigen--een zeer eerbiedigen--afstand. Bij het hek
-zag hij hen, en wenkte hen toornig met een breeden zwaai, naderbij
-te komen. Judy werd zeer bleek, maar gehoorzaamde dadelijk, en Pip,
-die zijn best deed, zich goed te houden, maakte de achterhoede uit.
-
-Later herinnerde Judy zich slechts zeer onduidelijk hetgeen gedurende
-het eerstvolgende halve uur gebeurde. Zij wist, dat er een stormachtig
-tooneel plaats gegrepen had, waarbij Esther en de geheele familie
-haar overstelpt had met verwijten en berispingen.
-
-Daarop kreeg Pip een pak slaag, ondanks Judy's herhaalde bekentenis,
-dat alles haar schuld was, en Pip niets gedaan had. Zij herinnerde
-zich, dat zij er met nieuwsgierigheid aan dacht, of zij even
-voorbeeldig als Pip zou gekastijd worden, zoo toornig was haar vaders
-gezicht, toen hij den jongen op zijde duwde en naar haar stond te
-kijken, zijne rijzweep in de hand.
-
-Maar hij gooide deze neer en legde zijne hand zwaar op haar schouder,
-dien zij vergeefs poogde terug te trekken.
-
-"Aanstaanden Maandag," zeide hij langzaam--"aanstaanden Maandagmorgen
-ga je naar de kostschool. Esther, wees zoo goed na te zien, of Helen's
-kleederen in orde zijn voor de kostschool--aanstaanden Maandagmorgen
-gaat zij er heen."
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK V.
-
-AANSTAANDEN MAANDAGMORGEN.
-
-
-Een koffer stond in de vestibule, en een groot, dikwijls gebruikt
-valies, en er hingen adressen aan, waarop te lezen stond: "Miss Helen
-Woolcot, adres de Dames Burton, Mount Victoria."
-
-In de kinderkamer werd het ontbijt in gedrukte stemming gebruikt. Meg's
-blauwe oogen waren rood en gezwollen van het schreien, en zij snoof
-nu en dan hoorbaar, terwijl zij bezig was koffie te schenken. Pip
-stond met de handen in de zakken op het haardkleed treurig naar een
-zeker bord te kijken, en dankte voor eten of drinken; de Generaal
-zat vroolijk met zijn drinkkroes op zijn bord te slaan; en Bunby at
-suffend zijn boterham op.
-
-Judy, bleek en met droge oogen, zat aan de tafel, en Nell en Baby
-hadden zich ieder aan een harer armen vastgeklampt. Gedurende de drie
-dagen, die tusschen dien noodlottigen Donderdag en dezen treurigen
-morgen verloopen waren, had zij koppig willen toonen, dat zij zich de
-geheele zaak niet aantrok. Nooit was hare stemming opgewekter, haar
-oog schitterender, hare tong scherper geweest, dan gedurende dezen
-tusschentijd; en zij had tegen iedereen beweerd, en in het bijzonder
-tegen haar vader, dat zij zich het verblijf in eene kostschool heerlijk
-dacht, en zich op haar vertrek verheugde.
-
-Maar dezen morgen was zij ineengezakt. De dagen te voren had haar
-vurig, kinderlijk hart haar gezegd, dat haar vader toch niet zóó wreed
-zou kunnen zijn, dat het niet in ernst zijn plan kon wezen haar onder
-vreemden te zenden, ver weg van het oude, vervallen Misrule en van al
-haar broeders en zusters; hij zeide het alleen maar om haar schrik
-aan te jagen, dit praatte zij gedurig zich zelve voor, en zij zou
-hem toonen, dat zij geen lafhartig klein kind was.
-
-Maar Zondagavond, toen zij een koffer naar beneden zag brengen en
-dien zag volpakken met hare kleederen en voorzien worden van haar
-naam, was het alsof een koude hand zich om haar hart sloot. Maar,
-zeide zij tot zich zelve, hij liet dit alles geschieden om haar te
-doen gelooven, dat zij werkelijk vertrekken moest.
-
-En nu was het morgen geworden, en zij kon zich niets meer diets
-maken. Esther was bij haar bed gekomen, en had haar treurig gekust, met
-eene bezorgde en teedere uitdrukking op haar lief aangezicht. Zij had
-haar man gesmeekt zoo innig als zij nog nooit gesmeekt had, het vonnis
-der arme Judy te vernietigen, maar de kapitein was onvermurwbaar. Zij
-en alleen zij was de belhamel bij alle ondeugende streken, de anderen
-zouden zich behoorlijk gedragen, wanneer zij er niet meer was om hen
-tot allerlei stoutigheden aan te zetten, en gaan moest zij. Bovendien
-zeide hij, zou het tot haar eigen heil zijn. Hij had eene uitmuntende
-school voor haar gekozen; de directrices er van waren vriendelijk, maar
-streng, en Judy's karakter liep gevaar bedorven te worden door gebrek
-aan eene strenge leiding. Dit was inderdaad in zeker opzicht waar.
-
-Judy ging plotseling rechtop in haar bed zitten, bij het gezicht van
-Esther's bekommerd gelaat.
-
-"Er is niets aan te doen, lieve kind, schik je naar vaders wil!" zeide
-zij vriendelijk. "Maar je zult gaan als een moedig meisje, nietwaar,
-Ju?--Jij hebt tot nu toe altijd, zooals Pip zegt: de huik naar den
-wind kunnen hangen."
-
-Judy verkropte een hevigen snik, en haar arm klein gezicht werd bleek
-en angstig.
-
-"Het is goed, Esther! Toe, ga maar gerust ontbijten," zeide zij met
-eene stem, die alleen maar een weinig beefde; "zou je den Generaal
-bij mij willen laten, Esther? Ik zal hem mede naar beneden brengen!"
-
-Esther zette haar klein, dik zoontje op het kussen en ging heen met
-een blik vol liefde en zorg.
-
-En Judy nam het kleine ventje in hare armen, en trok de beddelakens
-over hun beider hoofd, en hield hem stevig, bijna wanhopig een minuut
-of twee tusschen hare armen gekneld, en verborg haar gezicht in zijn
-zacht, dik nekje en kuste hem tot hare lippen pijn deden.
-
-Hij verweerde zich dapper tegen deze gewelddadige handelwijze, en
-protesteerde ten laatste, met een woedenden kreet, tegen gesmoord
-te worden. Dus wierp zij het dek weg en stapte uit bed, en liet hem
-tusschen de kussens rondkruipen, en uit een gaatje in een er van de
-veertjes plukken.
-
-Zij kleedde zich haastig en zenuwachtig, maakte het haar met meer
-zorg dan gewoonlijk op, en ging toen met den Generaal naar de
-kinderkamer. Alle anderen waren hier, en klaarblijkelijk waren zij
-met Esther over haar aan het spreken. De drie meisjes keken bedroefd
-en verontwaardigd; Pip was juist terecht gezet, omdat hij oneerbiedig
-over zijn vader had gesproken, en zag gemelijk voor zich uit; en Bunby,
-niet wetende wat hij anders zou doen in zulk een hachelijk oogenblik,
-was vliegen gaan vangen en trok haar wreedaardig de vleugels uit.
-
-Het was een somber ontbijt. De bel weerklonk als teeken dat de koffie
-beneden klaar was, en Esther moest dus de kinderen alleen laten. Een
-ieder presenteerde Judy van alles, wat op de tafel stond, en sprak
-haar beleefd toe. Zij scheen niet meer hun gelijke te zijn, maar een
-persoontje, dat niet zoo lichtvaardig behandeld kon worden terwille
-der waardigheid, die het groote verdriet haar gaf. Hare japon was
-nieuw--een keurig, blauw serge kleedje, direct uit de handen der
-naaister; hare laarzen waren glimmend gepoest, hare kousen zonder
-luchtgaatjes. Dit alles werkte er toe mede, om haar eene Judy te
-maken geheel verschillend van de slordige en drukke Judy van een paar
-dagen geleden, die gewoonlijk aan het ontbijt kwam, er uit ziende,
-alsof hare kleederen met eene hooivork op haar geworpen waren.
-
-Baby wijdde zich ééne minuut aan hare gort, maar toen overstelpten
-haar hare aandoeningen, en, met een zwakken klaagtoon, liep zij om de
-tafel naar Judy, en hing zich snikkend aan haar arm. Dit verstoorde
-het evenwicht van het geheele gezelschap. Nell pakte den anderen arm
-en wiegde zich heen en weer in een aanval van troosteloosheid. Meg's
-tranen droppelden in haar kopje; Pip duwde zijn hiel in het vloerkleed,
-en begreep maar niet, wat zijne oogen scheelden; en zelfs begon Bunby
-minder smaak in zijn boterham te krijgen.
-
-Judy zat zwijgend voor het bord, dat zij ongebruikt weggeschoven
-had, en dat zij met eene uitdrukking van diepe wanhoop op haar jong
-gezichtje aanstaarde. Zij zag er uit als eene miniatuur koningin uit
-eene tragedie, die op het punt is, naar de plaats der terechtstelling
-gebracht te worden.
-
-Bunby liet zich van zijn stoel glijden, dekte zijn kop koffie met
-den schotel van wege de vliegen, en verliet met plechtigen stap
-de kamer. Een oogenblik later kwam hij terug met eene zuurflesch,
-waarin een groote, groene kikvorsch zat.
-
-"Hem mag je houden voor jou alleen, Judy!" zeide hij, op bijna
-hartbrekend droevigen toon. "Je zult op school misschien nog wel eens
-om hem lachen."
-
-Zelfopoffering kan niet verder gaan, want deze kikvorsch was de
-lieveling van Bunby's hart.
-
-Dit prikkelde de anderen; ieder haalde een geschenk en legde het als
-souvenir op Judy's altaar. Meg bracht een armband, gemaakt van haar
-van een gestorven lievelingspony, Pip gaf zijn zakmes met drie messen,
-Nell een muskuspot dien zij een jaar lang begoten en verzorgd had, Baby
-eene pop met gebroken neus, de Benjamin van hare groote poppenfamilie.
-
-"Doe alles in den koffer, Meg--bovenin is nog plaats, denk ik," zeide
-Judy met verstikte stem, diep getroffen door deze geschenken. "O,
-Bunby, beste jongen! doe een kurk op de flesch met den kikkert,
-hij zou eens verloren kunnen gaan, tusschen al die kleeren!"
-
-"Ja wel," zeide Bunby. "Je zult goed op hem passen, nietwaar, Judy? O,
-lieve hemel! O! O!"
-
-Toen kwam Esther de kamer binnen, nog altijd met een bekommerd gelaat.
-
-"De dogcart is voor," zeide zij. "Ben je klaar, Judy, beste meid? Mijne
-lieve Judy, houd je nu dapper, vrouwtje!"
-
-Maar Judy was bleek als eene doode, en scheen niet te begrijpen, wat
-er om haar gebeurde. Zij liet toe dat Esther haar den hoed opzette,
-haar in haar nieuw manteltje hielp en haar de handschoenen in de
-hand gaf. Zij liet zich door de geheele familie kussen, half de trap
-afdragen door Esther, weer door de meisjes zoenen, toen door de twee
-goedhartige dienstboden, die ondanks hare pekelzonden voor haar eene
-warme genegenheid koesterden.
-
-Esther en Pip tilden haar in den dogcart, en zij zat ineen gedoken
-en scheef op de bank, en keek met oogen, die waarlijk tragisch waren
-in hunne groote wanhoop, naar de groep in de veranda. Haar vader kwam
-naar buiten, hij knoopte zijne overjas dicht, en zag haar blik.
-
-"Wat is dat voor gekheid?" zeide hij driftig "Esther--groote
-Hemel! stel jij je ook al zoo dom aan?"--groote tranen schitterden
-in de mooie oogen zijner vrouw. "Waarachtig, men zou kunnen denken,
-dat ik het kind meeneem om opgehangen te worden, of haar naar een
-verbeteringsgesticht ging brengen."
-
-Een luide, hikkende snik kwam over Judy's witte lippen.
-
-"Als u mij thuis zou willen laten blijven, vader, zal ik u nooit meer
-boos maken; u kan me voor straf slaan, zoo hard u maar wil."
-
-Het was hare laatste poging, hare laatste hoop, en zij beet op hare
-arme, trillende lip, tot deze bloedde, terwijl zij op antwoord wachtte.
-
-"Laat haar hier blijven--o! toe, laat haar hier blijven! We zullen
-altijd zoet zijn!" klonk het in koor uit de veranda. En: "Laat haar
-hier blijven, John!" riep Esther, op een toon, even smeekend als die
-der kinderen.
-
-Maar de kapitein sprong in den dogcart, en nam de teugels in eene
-uitbarsting van woede van Pat over.
-
-"Ik geloof, dat jelui allemaal bezeten zijt!" schreeuwde hij. "Zij
-zal het daar ginds uitstekend hebben, ik heb drie maanden vooruit
-voor haar betaald, en dat verzeker ik jelui, ik gooi mijn geld niet
-voor niets weg!"
-
-Hij gaf het paard een tikje met de zweep, en een minuut later was
-de dogcart aan gene zijde van het hek, en het kleine, ongelukkige
-gezichtje kon niet meer gezien worden.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK VI.
-
-HOE SCHOON IS DE LEEFTIJD VAN ZESTIEN JAAR.
-
-
-Meg had altijd mooi haar gehad, maar een paar maanden geleden had zij
-zich ponyhaar geknipt, en begon dit iederen avond in papillottenpapier
-te wringen. En in hare latafel stond een jampotje gevuld met havermeel,
-dat zij in haar waschwater gebruikte, want zij had gelezen, dat dit
-een uitstekend middel was om het teint te verfraaien. En iederen
-avond smeerde zij hare handen met vaseline in en sliep met oude
-glacé-handschoenen aan. En haar geld gaf zij uit aan een zeker water,
-dat de kleine bruine vlekjes zou wegwisschen, die de zon op haar
-gelaat getooverd had, en het, hoe dan ook, een zeker karakter gaven.
-
-Al deze dingen waren het gevolg hiervan, dat Meg zestien was, en dat
-zij eene vriendin gevonden had, die zeventien jaren telde.
-
-Aldith MacCarthy leerde Fransch bij denzelfden leeraar, naar wien
-Meg nu tweemaal in de week ging, en nadat chocolaadjes en haarlinten
-gegeven en aangenomen, en familieconfidenties gedaan en aangehoord
-waren, ontstond er eene innige vriendschap tusschen haar.
-
-Aldith had drie volwassen zusters, die zij in alle opzichten naäapte,
-en bezat veel meer kennis van de wereld dan de eenvoudige, romantische
-Meg.
-
-Zij leende Meg romans en novellen, evenals tijdschriften voor jonge
-dames, en het jonge meisje verdiepte er zich met groote belangstelling
-in, verbaasd over de nieuwe wereld, waarin zij werd binnengeleid;
-want Charlotte Yonge en Louise Alcott en Miss Wetherell waren tot nu
-toe uitsluitend hare lectuur geweest.
-
-Meg begon rooskleurige droomen te droomen van den tijd, waarin haar
-mooi, glanzend haar "in eene eenvoudige wrong" zou worden opgestoken
-of boven haar voorhoofd zou worden gelegd als "eene kroon, even
-schoon als die eener koningin," want dit waren de twee manieren,
-waarop de heldinnen in de novellen het haar kapten. Een gevlochten
-varkensstaartje was al zeer weinig romantisch. Dit was de reden waarom
-zij, als eene soort van voorbereidende maatregel, ponyhaar geknipt
-had, en het einde van hare vlecht begon te krullen. Haar vader staarde
-haar aan, en zeide, dat zij er uit zag als een winkelmeisje, toen hij
-deze veranderingen voor het eerst opmerkte, en Esther vertelde haar,
-dat zij een dom schepsel was, maar de spiegel en Aldith stelden haar
-weer gerust.
-
-De zorg, die nu aan de beurt kwam, was die van steelsgewijze
-hare japonnen langer te maken, welke in de periode waren van
-nog niet lang en niet meer kort te zijn. In de eenzaamheid van
-hare slaapkamer nam zij twee of drie van hare rokken van den band,
-voorzag ze aan den bovenkant van eene reep voering om ze te verlengen,
-en naaide eene strook onder om hare lijfjes, ten einde de voering te
-bedekken. Hierdoor werden hare rokken een goeden twee duim langer, wat
-haar een lang, slank figuurtje gaf, zooals zij zelve zeer goed wist.
-
-In geen van deze dingen stak eigenlijk kwaad.
-
-Maar Aldith begon hare taille langzamerhand geheel onmogelijk te
-vinden.
-
-"Je hebt minstens drie-en-twintig, Marguerite," zeide zij eens,
-vol ongehuichelden schrik.
-
-Zij noemde hare vriendin nooit Meg, want deze naam was "te familiaar
-en volstrekt niet welluidend."
-
-Meg keek van hare eigen taille naar het dunne, elegante middeltje
-van hare vriendin, en zuchtte diep.
-
-"Wat moest ik eigenlijk hebben?" zeide zij neerslachtig; en Aldith
-had geantwoord, "achttien--of negentien hoogstens, Marguerite! Ware
-symmetrische bevalligheid kan nooit bereikt worden met een middel
-van drie-en-twintig duim in omtrek."
-
-Aldith had niet alleen feiten opgemerkt en vergelijkingen gemaakt, zij
-had hare vriendin ook praktischen raad gegeven, en had haar getoond,
-hoe zij handelen moest. En iederen avond en iederen morgen trok Meg
-haar corsetveter steviger aan, en perste haar fijn, teeder lichaam in
-eene steeds engere ruimte. Zij had reeds een omtrek van een-en-twintig
-duim bereikt, hetgeen zuiver twee duim winst beteekende, en zij had
-al hare japonnen ingenomen.
-
-Maar zij speelde 's avonds niet meer mede cricket, en wilde aan geen
-enkel spel meedoen, waarbij hard loopen te pas kwam, zeer tot misnoegen
-der anderen. Niemand, die het zachte gezichtje, liefelijk als een
-bloesem, zag, en de vriendelijke, kalme oogen, zou gegist hebben
-welk eene marteling er verdragen werd onder het nu sierlijke, goed
-zittende japonlijfje. Vlug wandelen was eene ware kwelling; bukken,
-bijna folterpijn; maar zij verdroeg dit alles met een heldenmoed,
-eene waarlijk edele zaak waardig.
-
-"Hoe lang zal ik daar nu nog mede moeten voortgaan, Aldith?" vraagde
-zij eens met zwakke stem, na eene Fransche les gedurende welke
-zij zich bijna niet had kunnen goed houden. En het andere meisje
-antwoordde onverschillig: "O, je moet nu natuurlijk niet ophouden,
-je zult eens zien, over een poosje voel je er niets meer van."
-
-Na deze verzekering zette Meg hare pijn veroorzakende pogingen voort.
-
-Esther, de eenige, die in deze zaak eenigen invloed had kunnen hebben,
-had niets gemerkt, en, had zij dit wel gedaan, dan zou zij er zich nog
-niet ernstig over bekommerd gemaakt hebben, want het was eerst vier
-jaar geleden sedert ook zij zestien geweest was, en een "dun middeltje"
-voor haar het begeerlijkste van de geheele wereld geweest was.
-
-Eens had zij zonder bijgedachte gezegd:
-
-"Wat krijg je een goed figuurtje, Meg! De nieuwe naaister maakt zeker
-beter dan Miss Quinn!" en de dwaze Meg, het hart kloppend van vreugde,
-had zich voorgenomen, hare pogingen te verdubbelen.
-
-De lynx-oogige Judy zou alles zeker spoedig ontdekt hebben, en zou
-haar lachend beschaamd hebben, maar ongelukkig voor Meg's gezondheid
-was zij op school,--er waren reeds bijna drie maanden sedert haar
-vertrek verloopen.
-
-Aldith woonde ongeveer twintig minuten wandelen van Misrule, en dus
-waren de twee meisjes veel samen. Tweemaal in de week gingen zij
-per stoomboot naar de stad om in beleefd Fransch te leeren vragen:
-"Heeft de jonge dochter van den bakker den gelen hoed, de bruine
-handschoenen, en de parasol van de nicht van den aannemer?"
-
-En tweemaal in de week, nadat zij zonder den minsten samenhang
-geantwoord hadden: "Neen, maar de chirurgijn had bier, mosterd, en de
-tafelgong," vertoonden zich Aldith en hare vriendin op de wandelplaats,
-waar de Sydneysche jeugd en beau-monde gewoonlijk wandelde,--het
-"Block."
-
-"Nu zullen wij eens gaan zien, hoeveel hoeden ik kan laten
-afnemen!" zeide Miss Aldith, wanneer zij zich op weg begaven, en bij
-het einde van den tocht zuchtte Meg: "Hoe heerlijk moet het zijn,
-zooveel heeren te kennen als jij!"
-
-Somtijds gebeurde het, dat een of twee jonge lieden bleven staan,
-en de meisjes aanspraken, en dan stelde Aldith hen plechtig aan Meg
-voor, dikwijls evenwel meende deze, die, niettegenstaande al hare
-dwaasheid, scherp genoeg opmerkte, iets beschermends, min of meer
-spotachtigs in de manieren der heeren waar te nemen. En werkelijk
-was dit dikwijls zoo; het waren hoofdzakelijke heeren, die Aldith
-tehuis op een danspartijtje of bij het tennisspel had leeren kennen,
-en die deze jonge dame een vroeg rijp kind vonden, voor wie het hoogst
-gewenscht was, dat zij nog eenige jaren van de school zou profiteeren.
-
-Eens op een dag kwam Aldith op Misrule--houding, gebaren, stem, alles
-sprak van eene hooge, geheimzinnige gewichtigheid. "Kom mede naar den
-tuin, Marguerite!" zeide zij, zonder de minste notitie van Baby te
-nemen, die, met groote moeite, hare oudste zuster had overgehaald,
-haar het altijd even boeiende verhaal van de drie kleine varkentjes
-te vertellen.
-
-"O, neen, bij het haar van mijn baard aan mijn kin, ik zal proesten en
-blazen tot je huisje valt in," was nog maar tweemaal gezegd geworden,
-en het spannendste gedeelte moest nog komen.
-
-Baby keek op met verontwaardigde oogen.
-
-"Ga weg, Aldiff!" zeide zij.
-
-"Miss MacCarthy, Baby!" verbeterde Meg vriendelijk, Aldith's half
-verachtelijken glimlach opmerkende.
-
-"Aldiff!" herhaalde Baby koppig. Toen scheen zij berouw te hebben,
-en sloeg een kleinen arm liefkoozend om haar zusters hals.
-
-"Ik zal aan Miff MacCarfy zeggen, dat je eerst verder moet vertellen."
-
-"O, zend haar weg, Marguerite!" zeide Aldith ongeduldig. "Ik heb je
-een zeer belangrijk geheim mee te deelen, en ik heb buitendien haast."
-
-Meg was dadelijk een en al belangstelling.
-
-"Ga nu heen, Baby!" zeide zij, en kuste het teleurgestelde gezichtje;
-"ga met Bunby met de ark spelen, ik zal het vertelseltje van avond
-of morgen uit vertellen."
-
-"Maar ik wil nu het eind hooren!" zeide Baby volhoudend.
-
-Meg schoof haar vriendelijk op zijde. "Neen, ga nu heen, klein
-zusje--ga nu heen als eene beste meid, en ik zal je morgen ook nog
-van Roodkapje vertellen."
-
-Baby keek naar de bezoekster harer zuster.
-
-"Je bent een akelig spook, Aldiff MacCarfy," zeide zij langzaam en
-met nadruk, "en ik heb een hekel aan je, en wij allen hebben een
-hekel aan je, behalve Meg, en Pip zegt, dat je het naarste wicht ben,
-dat bestaat, en ik wou, dat er een groote reus kwam, die blazen zou
-en proesten, tot je midden in de zee lag."
-
-Aldith lachte, een klein tartend, wijs lachje, dat de maat van Baby's
-woede deed overloopen. Zij strekte hare kleine hand uit en gaf den arm
-der jonge dame in zijn mousselinen mouw een fijn welbestudeerd kneepje,
-dat Pip haar geleerd had. Toen holde zij als eene dwaze de groene
-grasvelden over naar het boschje, dat zich aan gene zijde bevond.
-
-"Onuitstaanbaar!" pruttelde Aldith boos, en Meg moest zich uitputten
-in verontschuldigingen en vriendelijke woordjes, om haar weer in een
-goed humeur te brengen, en haar over te halen, het zeer belangrijke
-geheim te vertellen. Ten laatste, evenwel, werd het haar geopenbaard,
-en wel met indrukwekkende plechtigheid. Aldith's oudste zuster was
-verloofd! O, was dat niet hemelsch? was het niet romantisch?--en
-met den mijnheer met den blonden snor, die in den laatsten tijd zoo
-dikwijls bij hen aan huis was geweest.
-
-"Ik wist, dat het zoo zou gaan--ik heb het al lang zien aankomen. O,
-men kan niet gemakkelijk iets voor mij verbergen!" zeide Aldith. "Ik
-herken ware liefde dadelijk. Maar voor mijzelve zou ik zeker de
-voorkeur geven aan een donkeren snor, jij ook niet, Marguerite?"
-
-"Ja-a!" zeide Meg. Hare meening in dit opzicht was nog nauwelijks
-gevestigd.
-
-"Gitzwart, met zeer stijfstaande uiteinden," vervolgde Aldith peinzend,
-"en eene militaire houding en heel lange, zwarte wimpers."
-
-"Dat zou ook mijn smaak zijn," zeide Meg, opeens vol vuur. "Zooals
-Guy Deloraine in "Angelina's eerzuchtige Droomen.""
-
-Aldith sloeg haar arm inniger om hare vriendin.
-
-"Zou het niet hemelsch zijn, Marguerite, als jij en ik--eens
-geëngageerd waren?" zeide zij, als in droomerige verrukking. "Denk eens
-aan, hoe zalig het zijn moet als een donkere knappe man met trotsche,
-zwarte oogen, smoorlijk verliefd op je is, je op de handen draagt,
-je cadeaux geeft en met je uitgaat--o, Marguerite, wat moet dat
-goddelijk zijn!"
-
-Meg keek peinzend voor zich uit. "Daar zijn wij, geloof ik, toch nog
-niet oud genoeg voor!" zeide zij met een zucht.
-
-Aldith wierp haar hoofd achterover. "Dat is onzin; Clara Allison is
-niet ouder dan zeventien, en denk aan eens je eigen stiefmoeder. Eene
-menigte meisjes zijn al getrouwd als zij zestien zijn, Marguerite! en
-mijne zuster Beatrice werd ten huwelijk gevraagd, toen zij nog maar
-vijftien was."
-
-Deze woorden schenen indruk op Meg te maken. Zij keek stil voor
-zich uit.
-
-Toen stond Aldith op om heen te gaan. "Denk er aan, dat je morgen
-op tijd aan de boot bent," zeide zij, terwijl zij naar het hek
-wandelden; "en, Marguerite, kleed je nu eens heel netjes aan--trek je
-koornbloemen-blauwe japon aan,--en zie eens of Mrs. Woolcot je niet
-een paar handschoenen zou willen leenen, je grijze paar ziet er niet
-meer zeer frisch uit, vind je zelf ook wel?"
-
-"Neen, neen zeker niet!" zeide Meg blozend.
-
-"En Mr. James Graham komt altijd terug met onze boot, en de twee
-Courtney's ook--Andrew Courtney zeide aan Beatrice, dat hij je een
-heel aardig persoontje vond; hij merkt je dikwijls op, zegt hij,
-omdat je altijd zoo bloost."
-
-"Ik kan daar toch heusch niets aan doen!" zeide Meg op ongelukkigen
-toon. "Aldith, hoe moet het lint op mijn hoed genaaid worden? Ik
-wilde het er opnieuw opzetten."
-
-"O, vierkante lussen, min of meer stijf, en goed op zijde!" zeide het
-orakel. "Ik ben blij, dat je den hoed onder handen neemt, beste! hij
-zag er heusch erg slordig en verlept uit."
-
-Meg bloosde weer.
-
-"Ben je al klaar met je Fransch?" zeide zij, en opende het hek.
-
-"Ik zal het er maar voor houden!" zeide Aldith onverschillig. Toen
-hief zij haar kin omhoog.
-
-"Die zedige meisjes Smith schijnen er altijd eene eer in te stellen,
-om geen fouten te maken; en Janet Green, wier hoeden altijd vier
-modes ten achteren zijn, ook; ik vergis mij liever eens een paar maal,
-als was het alleen maar om te laten zien, dat ik niet hard behoef te
-leeren, en later onderwijzeres worden."
-
-Maar juist in dit oogenblik struikelde zij, en viel in hare volle
-lengte op zeer onbevallige wijze neer, dwars over het modderige pad.
-
-Een stuk touw en Baby's wraak waren hier de oorzaak van.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK VII.
-
-"WAT ZEGT GE VAN EEN VERLIEFD HART?"
-
-
-Meg zag er zeer slecht uit, daar was geen twijfel aan. Hare mooie
-rozige gelaatskleur verloor hare frischheid, eene uitdrukking van
-prikkelbaarheid groefde een trek om den mond, die eenige maanden
-geleden alleen voor glimlachjes scheen geschapen te zijn. En, het was
-treurig onromantisch, maar, haar neus was van tijd tot tijd bijzonder
-rood. Nu kan eene heldin de grootste, diepste oogen, de langste
-wimpers, die maar mogelijk zijn, hebben; zij kan haar hebben gelijk
-aan het goud, dat "in den oogsttijd tot schoven wordt gebonden";
-zij kan lippen bezitten als kersen en tanden als paarlen, en een
-roode neus zal al deze bekoorlijkheden vernietigen. Hij berokkende
-Meg ware zielsangsten. Zij las met de grootst nauwgezetheid alle
-antwoorden in de "Correspondentie" der verschillende tijdschriften,
-die Aldith haar leende, om haar te helpen in haar zoeken naar een
-geneesmiddel. Maar bijna iedereen scheen recepten te vragen om den
-groei der oogharen te bevorderen of om embonpoint te voorkomen. Geen
-enkel antwoord, dat haar onder de oogen kwam, zeide: Een roode neus bij
-jonge meisjes wordt gewoonlijk veroorzaakt door slechte spijsvertering
-of door te nauw rijgen." Zij vraagde Aldith haar een raad te geven,
-en deze jonge dame dacht, dat hare vriendin de gewenschte uitkomst zou
-verkrijgen, door vaseline en zwavel, goed vermengd, op het lichaamsdeel
-in quaestie te leggen. En nu sloot Meg iederen avond de deur van
-haar slaapvertrek door middel van een eigen gemaakten grendel, want
-sleutels waren op Misrule eene ongekende weelde, en bestreek haar
-armen, kleinen neus hoogst zorgvuldig met het vette geneesmiddel,
-waarnaar zij den geheelen nacht op haar rug moest blijven liggen,
-om te voorkomen dat zij het aan haar kussen zou wrijven.
-
-Eens was Pip in haar kamertje doorgedrongen om haar te vragen, zijne
-bretels even te willen naaien; zij was toen genoodzaakt geweest,
-haastig een handdoek om haar hoofd te slaan en te zeggen, dat zij
-hevige zenuwhoofdpijn had, en dat hij maar naar Esther of een van
-de meiden moest gaan. Had hij de oorzaak dezer weigering gekend en
-gezien, dan zou er geen einde aan de plagerijen gekomen zijn.
-
-In den laatsten tijd bracht Meg een groot gedeelte van den dag in hare
-slaapkamer door, die nu, sedert Judy's vertrek, van haar alleen was. In
-de eenzaamheid garneerde zij hare hoeden en veranderde ze telkens
-weer, vermaakte zij hare japonnen, las zij hare novellen, en zat met
-hangende haren voor haar spiegel, peinzende over den tijd, waarin zij
-"groot" zou zijn en een man haar hart zou geschonken hebben. Want
-haar en Aldith scheen alleen deze periode van het leven liefelijk
-en begeerlijk. Meg vlijde zich gaarne in een grooten leunstoel, die
-naar hare kamer was verbannen, omdat de veeren gesprongen waren, en
-droomde dan lang schoone, ijdele droomen van een minnaar met "lange
-zwarte wimpers en eene militaire houding". Natuurlijk was het hoogst
-laakbaar op haar teederen leeftijd van zestien jaren zulke gedachten te
-hebben, maar dan moeten wij bedenken, dat het meisje geene moeder had,
-die deze verdoolde phantasie weer op het goede pad had kunnen brengen,
-en dat zij eene dochter van het Zuiden was.
-
-Australische meisjes beginnen bijna altijd veel eerder over "vrijages
-en zulken onzin", zooals ouderwetsche menschen zeggen, te denken,
-dan hare Engelsche zusters. Terwijl zij nog in de korte-jurken-periode
-zijn, en terwijl haar haar nog los op haar rug hangt, stellen zij de
-levendigste belangstelling in jongens van de naburige scholen, broers
-van andere meisjes, jonge klerken, en dergelijken. Niet omdat zij
-goede speelkameraden zouden kunnen zijn, maar omdat zij hen beschouwen
-in het licht van mogelijke aanstaande "hartsvrienden". Ik zeg niet,
-dat Engelsche meisjes nooit aan zulke dingen denken. Volstrekt niet;
-in iedere school zullen er wel een of twee dwaze, giggelende jonge
-schepseltjes met soortgelijke neigingen te vinden zijn, die met een
-pak klappen weer naar haar cricket en hare poppen toe moesten gezonden
-worden. Maar in dit land der jeugd is het meer regel dan uitzondering,
-en dit is de grootste fout van het zeer jonge Australische meisje. Zij
-is als eene perzik, eene mooie, gave perzik, die bijna in één dag tot
-rijpheid is gekomen, en die haast heeft het teedere waas te vernielen
-dat haar grootste bekoorlijkheid is, alleen om hare schitterende, warme
-kleur duidelijker te doen uitkomen. Aldith had, tot hare voldoening,
-haar eigen "waas" weggewreven, en was op het oogenblik druk bezig
-dat van Meg te doen verdwijnen, dat zeer zacht en liefelijk was,
-voor zij er aan raakte. De novellen hadden iets weggenomen en het
-"Block" nog iets meer, maar zij was van nature verstandig, en het
-duurde lang, eer men aan haar eene verandering kon bespeuren. En
-nu, onder voogdijschap harer vriendin, was zij binnengeleid in de
-verrukkelijke geheimen der liefdesavonturen, en voorloopig vervulde
-de gedachten daaraan haar eenigszins doelloos jong leven. Maar dit
-alles eindigde met eene gebeurtenis, welker herinnering haar nog
-jaren daarna een pijnlijken blos op de wangen jaagde.
-
-Na de Fransche les, die zij, als ik reeds vertelde, tweemaal in de
-week namen, kwamen de vriendinnen gewoonlijk met de boot van vijf uur
-terug. En op deze boot waren ook altijd twee jonge lui, die den naam
-Courtney droegen, en een derde jonge man, Aldith's bijzonder eigendom,
-James Graham. Nu was het jonge volkje met elkaar in kennis gekomen op
-picnics en dergelijke feestjes in den omtrek, maar deze kennismaking,
-in plaats van, nu zij elkaar meermalen ontmoetten, te rijpen tot
-eene hartelijke, aangename vriendschap, had aanleiding gegeven tot
-flauwe geheimzinnigheden en eene aanstellerige verliefdheid. James
-Graham, zeventien jaar oud, was werkzaam op het kantoor van een
-advocaat, en scheen weinig haast te hebben zich tot een flinken
-man te ontwikkelen. Hij droeg een stok, en was zeer gesteld op een
-keurigen hoed en een hoog boord en mooie laarzen, die gewoonlijk
-van bruin leder waren. En hij bezat een knevel, zoo dun, als men er
-zich maar een kan verbeelden, dien hij met groote zorg behandelde,
-en dien Aldith aanbiddelijk vond. Aldith's levendigheid en gevatheid
-vielen in zijn smaak en binnen zeer korten tijd drukten zij elkander
-heimelijk briefjes in de hand, en zuchtten daarbij sentimenteel. Niet
-dat deze briefjes iets buitengewoons bevatten, zij waren gewoonlijk
-tamelijk vormelijk.
-
-"Hooggeachte Miss MacCarthy", luidde bijvoorbeeld een. "Waarom was u
-gisteren niet op de boot? Ik keek naar u uit zoolang ik maar eenigszins
-hopen kon, u nog te zien verschijnen, en moest toen een vervelenden
-tocht op het water maken. Wat staat die groote hoed u allerliefst,
-en die narcissen, die ge draagt, passen beeldig bij uwe japon. Zou
-ik u om een dezer bloemen mogen verzoeken? geef er mij ééne, Aldith!
-
-Met eerbiedige hoogachting
-
- Uw vriend
-
- James Graham."
-
-En Aldith's antwoord, geschreven op een blaadje van haar notitieboekje
-met een rose potloodje, afkomstig van een balboekje, en dat zij altijd
-in hare beurs bij zich had, mocht den volgenden inhoud hebben:
-
-"Waarde Mr. Graham,
-
-Wat mag de reden zijn, dat ge de bloemen, die ik in mijne japon
-gestoken had, verlangt te bezitten? Ik heb ze den geheelen dag
-gedragen, en zij zijn verwelkt en slap. Ik kan mij niet verbeelden,
-wat gij aan haar zoudt hebben. Maar, indien u werkelijk op haar gesteld
-is, zal ik ze u natuurlijk geven. Ik ben zoo blijde, dat mijn hoed
-u bevalt. Ik zal hem nu altijd gaarne dragen. Heeft u mij werkelijk
-gisteren gemist? Ik liet mijn portret maken. Marguerite vindt, dat
-het zeer goed lijkt, ik vind het werkelijk te geflatteerd.
-
- Met een vriendelijken groet
-
- L. Aldith Evelyn MacCarthy."
-
-Een groote vriend van Mr. James Graham was een der reeds genoemde
-Courtneys, en wel degene, dien men Andrew noemde. Hij was een knappe
-jongen van achttien jaren, nog scholier, maar hij bezat hoogst
-innemende manieren en een paar waarlijk mooie oogen.
-
-En sedert zijn vriend en trouwe metgezel James begonnen was "zich
-te interesseeren" voor "de kleine MacCarthy", bedankte hij er voor,
-geheel buiten alles te staan. Dus begon hij op in het oog loopende
-wijze werk te maken van Meg, die tot onder haar zacht, mooi ponyhaar
-bloosde, iederen keer dat hij tot haar sprak, en met een pijnlijk
-verlegen en schuldig gezicht voor zich keek, telkens als hij haar
-iets vleiends zeide.
-
-De andere jonge man, Alan Courtney, was zeer groot en breed van
-schouders, maar zijn gezicht was volstrekt niet bijzonder fraai. De
-uitdrukking van zijn gelaat was ernstig, zijne oogen waren grijs en
-lagen diep in zijn hoofd, zijne bruine haren zagen er uit, alsof hij
-ze gedurig den verkeerden kant op streek. Hij was student, speelde
-uitstekend voetbal, en vermaakte zich op weg naar huis, nooit op de
-manier van Andrew en diens vriend.
-
-Hij gaf gewoonlijk een nauwelijks merkbaar knikje met het hoofd,
-wanneer hij voorbij de kleine groep kwam, nam zijn hoed zoo weinig
-mogelijk als met de voorschriften der beleefdheid in overeenstemming
-te brengen was, af, en liep door naar het verst verwijderde gedeelte
-der boot. Eens toen hij voorbij kwam, keek Aldith juist door hare
-wimpers heen smachtend zijn broeder aan, en Meg was er bijna zeker
-van dat zij hem bij zich zelf had hooren zeggen: "Belachelijke
-zotten!" Hij zat gewoonlijk eenzaam op de boot te rooken--sigaren
-bij het begin van de vaart, en tegen het einde haalde hij een kort,
-zwart, onaanzienlijk pijpje voor den dag--en Meg dacht dan heimelijk,
-dat hij er toch wel mannelijk uitzag, en dan zuchtte zij diep.
-
-Want ik kan u nu even goed als later vertellen, wat er met dit dwaze,
-kleine meisje gebeurd was, na enkele maanden den invloed van Aldith
-en der novellen ondergaan te hebben. Zij was verliefd geworden, en
-dit wel met eene innigheid zoo groot, als dit op den lieven leeftijd
-van zestien jaar maar mogelijk is; en het was op Alan, die niet
-vriendelijk keek, noch aangename manieren had--niet op Andrew, die
-sprekende oogen bezat en lokken, die "zijn voorhoofd deden gelijken op
-de rijzende zon," niet op Andrew, die haar teedere blikken toewierp,
-en haar onder bedekte termen duizend maal verzekerde: "Aan u heb ik
-mijn hart verloren," maar op Alan, die volstrekt geene notitie van
-haar nam dan bij gelegenheid door eene half spotachtige buiging.
-
-Arme Meg! Zij was zeer treurig in dezen tijd, en toch was het eene
-soort van zoete treurigheid, die zij koesterde en voor uitdooven
-bewaarde. Niemand vermoedde haar geheim. Zij zou liever gestorven
-zijn, dan er zelfs tegenover Aldith iets van te laten doorschemeren,
-en ontving Andrew's briefjes en glimlachjes alsof niets haar aangenamer
-kon zijn. Maar zij werd mager, hare oogen schenen steeds grooter te
-worden, en 's avonds schreef zij lange verhalen in haar dagboek, en
-buitendien een snel aangroeiende verzameling gedichten, waarin "hart"
-en "smart," "traan" en "staan," "zwerven" en "sterven," "zucht" en
-"lucht" de meest voorkomende rijmwoorden waren. Zij verdroeg Andrew
-om verschillende redenen. Ten eerste was hij de broer van Alan,
-en vertelde altijd allerlei verhalen van "Al," en pochte hij op de
-kranige figuur, die deze op het voetbalveld maakte; en dan zou Aldith
-haar geheim kunnen raden, indien zij hem geheel afstootte. Buitendien
-had Andrew de langste wimpers, die zij ooit gezien had, en zij moest
-toch iemand hebben, die haar allerlei aangenaams zeide, ook al was
-dit niet degene, van wien zij dit het liefst gehoord had.
-
-Maar eens op een dag kwam er eene crisis.
-
-"Geen tochtjes meer met onze lieve boot, eene geheele maand
-lang!" sprak Aldith, van haar hoekje in de kajuit.
-
-"Dat is verschrikkelijk! Wat bedoelt u, Miss MacCarthy?" zeide James
-Graham, met overdreven wanhopige stem.
-
-"Monsieur H. heeft de klasse eene maand vacantie gegeven. Hij gaat
-naar Melbourne!" antwoordde Aldith met een zucht.
-
-Meg zorgde plichtmatig voor de echo, en Andrew zeide woedend, dat
-Monsieur H. het hangen niet waard was. Hij zou wel eens willen weten,
-waarom hij zoo onmenschelijk handelde; en hoe moesten Jim en hij hun
-leven in dien tusschentijd voortsleepen?"
-
-James was degene, die dadelijk een middel wist, om het leed te
-verzachten.
-
-"Zouden wij met ons vieren niet eens 's avonds kunnen eraan
-wandelen?" sloeg hij voor.
-
-Aldith en Andrew vonden dit voorstel schitterend; en hoewel Meg eerst
-vast besloten het hoofd geschud had, liet zij zich toch overhalen,
-en beloofde mede te zullen gaan.
-
-Zij zouden elkaar ontmoeten in een boschje, dat aan het verst
-verwijderde grasveld van Misrule grensde, ongeveer een uur wandelen,
-en tegen half acht terugkeeren, eer het donker werd.
-
-"Ik zal je dien dag iets vragen, Meg!" fluisterde Andrew toen zij op
-het punt waren, van elkander te scheiden. "Ik ben benieuwd of ik het
-zal krijgen."
-
-Meg bloosde, zenuwachtig en onrustig, en vroeg zich zelve af, of hij
-haar om een haarlok zou verzoeken, iets, wat Jim reeds van Aldith
-gekregen had.
-
-"Wat?" zeide zij werktuigelijk.
-
-"Een zoen!" fluisterde hij.
-
-In het volgende oogenblik hadden de anderen zich bij hen gevoegd,
-en het antwoord vol verontwaardiging, dat haar op de lippen zweefde,
-bleef onuitgesproken. Zij moest hem zelfs hare hand geven, om het
-te doen schijnen, alsof er niets gebeurd was, en oogenschijnlijk als
-goede vrienden van elkander te gaan.
-
-"Precies half zeven, Marguerite! Ik zou het je nooit vergeven, als
-je niet kwaamt!" zeide Aldith, toen zij bij het hek afscheid namen.
-
-"Ik--je--o Aldith! ik begrijp niet, hoe ik zal kunnen komen," stamelde
-Meg, weer met hoogroode wangen. "Ik heb nog nooit zoo iets gedaan. Ik
-ben er van overtuigd, dat het niet goed is."
-
-Maar de minachtende trek om Aldith's mond maakte haar beschaamd over
-zich zelve.
-
-"Je bent geloof ik, twaalf jaar, Marguerite!" zeide deze jonge dame
-kalm; "je bent waarlijk niet ouder dan twaalf jaar! Je deedt beter
-met weer eene pop te nemen, en een prentenboekje met fabeltjes. Ik
-zal Andrew vragen, om je een te koopen, en ook een stuk touw, om je
-in je tafelstoel vast te binden."
-
-Zulk een hoon was te veel voor Meg. Zij beloofde haastig en
-onvoorwaardelijk op den bepaalden tijd aanwezig te zullen zijn, en
-liep snel het voetpad op, om aan de roepstem der hard luidende bel
-voor de thee gehoor te geven.
-
-Gedurende de twee volgende dagen drukte haar geheim haar als een last
-van schuld, en zij verlangde vurig naar eene vertrouwde, die haar zou
-kunnen raden, hoe zij in deze netelige zaak moest handelen. Judy kon
-zij daarvoor niet kiezen: deze was te eerlijk, te verstandig, en had
-daarenboven te veel van een kind en een jongen--zij zou haar nooit
-zoo iets durven vertellen. Zij kon zich den blik van verontwaarding
-in de groote, heldere oogen harer zuster voorstellen, het schaterende
-gelach, dat zulk een verhaal zou uitlokken, de vernietigende, handig
-gekozen plagerijen, die zij trillende, zou moeten aanhooren. Ook
-Esther niet--daar deze immers hare stiefmoeder was, kon Meg het juist
-haar niet vertellen, en buitendien, in het mondje van den Generaal
-verscheen langzamerhand eene dubbele rij witte paarltjes, zijne
-gezondheid werd daardoor aangetast, en veroorzaakte zijne moeder te
-veel zorg, om haar voor Meg's gedruktheid oogen te geven.
-
-Toen de dag, waarop de wandeling zou plaats vinden, genaderd was,
-had zij zich in een toestand van hevige opwinding gebracht.
-
-Half zeven was de afgesproken tijd; zooals zij wist, was het dan
-nog helder licht. Zij zag in, dat zij inderdaad niet mocht, niet
-kon gaan. Veronderstel dat haar vader of Esther, eenige van hare
-spotachtige jongere zusters of broeders, in de nabijheid zouden zijn
-en de ontmoeting zien, of een der buren--zij zou de schande nooit
-kunnen overleven! En toch, gaan moest zij, want anders zou Aldith
-haar verachten. Buitendien had zij zich voorgenomen Andrew kalm
-te zeggen, dat zij hem niet kon veroorloven tot haar te spreken,
-als hij gedaan had. Na de laatste, verschrikkelijke, gefluisterde
-woorden, vond zij het noodzakelijk, hem duidelijk te doen begrijpen,
-dat zij zijn gedrag niet goed vond, en wel "zijne vriendin" wilde zijn,
-maar ook niets anders.
-
-Maar waarom hadden zij niet een uur gekozen als het reeds donkerder
-zou zijn? zeide zij bij zich zelve: dan zou er geen gevaar bestaan van
-gezien te worden; zij zou dan het huis uit kunnen sluipen zonder de
-minste moeielijkheid, en door de grasvelden loopen, beschermd door de
-schemering; terwijl, wanneer het nog licht was, en zij zou beproeven
-ongemerkt weg te vluchten, ten minste twee of drie van de kinderen
-achter haar aan zouden komen loopen en haar edelmoedig zouden aanbieden
-"mede te gaan."
-
-Ten laatste, te bang om, terwijl het nog dag was, te gaan, en ook niet
-willende, dat Aldith boos op haar zou kunnen zijn, omdat zij in het
-geheel niet gekomen was, deed zij in hare opwinding eene wanhopige
-daad--iets zoo gewaagds, dat zij er langen tijd niet dan met afschuw
-aan kon denken.
-
-"Waarde Mr. Courtney,"--schreef zij, voor haar toilet zittende,
-haastig met potlood--"het zou niet aardig zijn, om zoo vroeg te
-wandelen. Laten wij later gaan, wanneer het geheel donker is. Het
-zal dan veel prettiger zijn, want niemand zal ons dan kunnen zien. En
-laten wij elkaar ontmoeten geheel aan het einde der grasvelden, waar
-het boschje zeer dicht is, daar kan niets ons storen. Ik schrijf Aldith
-ook tegen dien tijd te komen, en zij zal het Mr. Graham doen weten.
-
- Geheel de uwe,
-
- M. Woolcot.
-
-P. S. Ik moet u uitdrukkelijk verzoeken, mij niet te kussen. Ik zou
-werkelijk zeer boos zijn, wanneer u het deed. Ik houd daar niet van."
-
-De laatste woorden schreef zij in zenuwachtige haast, want zij had
-grooten angst, dat hij zijn woord zou houden, indien zij dit niet bij
-de eerste de beste gelegenheid voorkwam. Toen deed zij het briefje
-in eene enveloppe en schreef er het adres op, terwijl het zelfs geen
-oogenblik bij haar was opgekomen, er iets vreemds of onbehoorlijks in
-te vinden, dat een jong meisje er zoo op gesteld was, de ontmoeting
-in het donker te doen plaats hebben.
-
-Daarop schreef zij eenige woorden aan Aldith, en zeide haar er vast
-op te rekenen, haar te half negen achter de grasvelden te vinden,
-terwijl zij zelve weg zou sluipen, wanneer de kinderen naar bed gingen
-en haar zeer waarschijnlijk niet zouden opmerken.
-
-En toen ging zij naar den tuin om boden voor de twee briefjes
-te zoeken. De kleine Flossie Courtney had den middag bij Nellie
-doorgebracht, en Meg riep haar terug, juist toen zij het hek door
-ging om naar huis te wandelen, en, zonder dat de kinderen het zagen,
-vertrouwde zij haar het briefje toe.
-
-"Geef dit aan je broer Andrew dadelijk als hij uit school
-komt!" fluisterde zij, en stopte in hetzelfde oogenblik een groot
-stuk chocolade in den mond van het kleine meisje. Bunby werd daarop
-omgekocht, met eene belofte van dezelfde licht smeltende snoepernij,
-om met het andere briefje naar Aldith te loopen, en Meg haalde weer
-vrij adem, daar zij het dreigende gevaar op listige wijze meende
-gekeerd te hebben.
-
-Maar er scheen geen zegen op de briefjes te rusten!
-
-Bunby overhandigde het zijne aan de meid van de familie MacCarthy,
-en gaf op eene vraag van het dienstmeisje ten antwoord: "Ik zal wel op
-antwoord moeten wachten, meisjes moeten er altijd een hebben op niets."
-
-Aldith was aan hare kamer gebonden door eene plotselinge hevige
-verkoudheid, en schreef hare vriendin een briefje, om haar mede te
-deelen, dat zij te ziek was om uit te gaan, en aan Mr. Graham en
-aan Mr. Courtney ook geschreven had, daar zij de wandeling eene week
-wenschte uit te stellen.
-
-Nu kwam dit briefje, in zijne lichtrose, driekante enveloppe, in
-Bunby's zak terecht tusschen zijne knikkers en noten en touwtjes. En,
-als wel te voorzien was, zag hij op den terugweg eenige kameraadjes,
-met wie hij weldra aan den kant van den weg op zijne knieën zat
-te knikkeren.
-
-Hij verloor tien knikkers, en zijne allermooiste, roste een jongen
-af, die zich onwettig in het bezit had gesteld van zijn meest geliefd
-"bastje", kwam een uur later in treurige stemming thuis, en bespeurde
-bij het hek dat hij Aldith's coquet briefje verloren had.
-
-Nu had Meg hem acht chocoladen okkernoten bij zijne terugkomst beloofd,
-en wanneer ons heertje eene zwakheid had, die zich meer deed gelden
-dan de andere, dan was het zijne groote partijdigheid voor deze soort
-van lekkernij, en, daar hij in weken geene enkele geproefd had, was
-het geen wonder dat zijn hart bijna brak bij de gedachte, dat hij ze
-door eigen schuld verbeurd had.
-
-"Ik begrijp wel dat ze onuitstaanbaar genoeg zal zijn om te zeggen,
-dat ik ze niet verdiend heb, alleen omdat ik het gekke briefje van
-dat schepsel verloren heb," zeide hij, diep ongelukkig, tot zich
-zelven, "en ik kan me wel denken, dat er niets anders in stond, dan:
-"Liefste Marguerite, laten wij elkander altijd en altijd onze geheimen
-vertellen"; dat heb ik haar tweemaal hooren zeggen, en dus zal zij
-het nog wel eens schrijven." De verleiding greep hem aan, plotseling,
-stormenderhand.
-
-Bunby was van nature de meest gewetenlooze kleine leugenaar,
-die ooit bestaan had, en alleen Judy's onkreukbare eerlijkheid en
-nadrukkelijk uitgesproken verachting voor al wat onoprecht was,
-hadden hem tamelijk betrouwbaar doen blijven. Maar Judy was mijlen
-weg, en kon hem onmogelijk angstig maken door een blik vol innige
-verstoordheid. Hij stond nu voor de deur der kinderkamer en draaide
-met aarzelende vingers den deurknop om.
-
-"Wat ben je lang weggebleven!" zeide Meg van de tafel, waar zij een
-doos vol handschoenen zat te naaien. "Wat heeft zij gezegd?"
-
-Juist naast haar elleboog stond de begeerlijke bonbonnière, waarin
-de bruine, met fondant omgeven okkernoten lagen.
-
-"Zij zeide: "Het is goed!"" sprak Bunby stuursch.
-
-Meg telde de acht chocolaadjes in hare kleine, onreine hand, en zette
-haar naaiwerk voort met een zucht van verlichting. En Bunby, met een
-schichtigen, schuwen blik in zijne oogen, stopte al de chocolaadjes
-op eens in zijn mond, als om de mogelijkheid van een plotseling berouw
-te voorkomen.
-
-Het andere briefje ging het even slecht. Flossie ging naar huis,
-peinzende over een zeker Kate Greenaway-mutsje, dat Nell beloofd
-had voor hare nieuwe pop te zullen maken.
-
-"Groen met rose lint," zeide zij zachtjes bij zich zelve toen zij de
-trap van het huis haars vaders opging. Alan lag in de veranda in een
-gemakkelijken stoel en rookte zijne zwarte pijp.
-
-"Wat moet groen zijn?" riep hij lachend.--"Guineesche biggetjes
-of kangoeroes?"
-
-"De hoed van Clarice Maud," zeide het kleine meisje, en opende dadelijk
-een ernstig gesprek met hem over de kleur, die hij het geschiktst
-vond voor den wintermantel van dezen wassen jonge dame.
-
-Toen wilde zij het huis binnen gaan.
-
-"Wat steekt daar uit je zakje, Flossie?" zeide hij, toen zij hem
-voorbij liep.
-
-Zij bleef even stilstaan en tastte in haar zak.
-
-"O, dat had ik bijna vergeten, en ik heb beloofd, dat ik er aan zou
-denken,--hier is een briefje voor jou, Alan!" zeide zij, en gaf Meg's
-rampspoedig episteltje in de hand, voor welke het niet bestemd was.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK VIII.
-
-EEN CATAPULT EN EENE CATASTROPHE.
-
-
-De schemering had zich zeer kalm en zeer ongemerkt uitgebreid over
-den tuin, en de grasvelden, en de rivier. Er was een zwak windje aan
-den waterkant, maar het scheen na dezen warmen, langen dag bijna te
-moede om zich te verheffen en het water te rimpelen. Langzaam, zeer
-langzaam nam het grauwe, stille licht af, en een of twee bleeke sterren
-begonnen daar hoog, boven in de lucht, te stralen. In de verte, achter
-de gomboomen, aan gene zijde der rivier, stond eene nog bleeker maan;
-reeds kon eene streep van het water haar een glimlach toezenden. Meg
-hoopte, dat zij niet vóór acht uur boven de kronen der boomen zou
-gerezen zijn, want dan zouden de uitgestrekte grasvelden in een stroom
-van maanlicht baden, en zij zou kunnen gezien worden. Onder de thee,
-en gedurende het eerste gedeelte van den avond, was zij afgetrokken
-en prikkelbaar in haar angst, en twee of drie maal snauwde zij Bunby
-tamelijk onvriendelijk af.
-
-Van een uur of zes af had hij onophoudelijk om haar heen gedraaid.
-
-Het was een karaktertrek van dezen kleinen jongen, dat, wanneer hij
-de verleiding niet had kunnen weerstaan en van het pad der waarheid
-was afgeweken, hij volkomen ongelukkig was, tot hij gebiecht had, en
-met zijne vieze handjes in zijne schreiende oogen had gewreven, tot
-hij een beeld bood "om van te droomen, maar niet om te beschrijven."
-
-Pip zeide, dat dit kwam omdat hij een lafaard was, en de zedelijken
-moed miste om te gaan slapen met eene leugen op zijn geweten uit
-vrees van te zullen ontwaken en een engel met een vlammend zwaard
-naast zijn bed te zien staan. En tot mijn spijt moet ik toegeven,
-dat dit eene meer ware beschouwing van het geval was, dan wanneer
-men aannam, dat de kleine jongen werkelijk overtuigd was van het
-afkeuringswaardige zijner daad, en niets liever wenschte, dan haar
-weder goed te maken. Want als de gelegenheid zich maar voordeed,
-zou hij den volgenden dag weer struikelen, en 's avonds naar dezen
-of genen toekruipen en, met zijne vuistjes in zijne oogen, stamelen,
-dat hij: "iets gezegd had, dat niet waar was, boe-hoe!"
-
-Tegen zeven uur was hij dus dezen avond buitengewoon berouwvol gestemd
-geweest; verscheidene tranen waren langs zijne wangen gerold, en hadden
-zich vermengd met den inkt van het huiswerk, dat hij bezig was voor
-de gouvernante te maken. Hij installeerde zich naast Meg's elleboog,
-en bleef naar haar opzien met een treurigen smeekenden blik, die haar
-in groote verlegenheid bracht, want zij was door zijn vreemd gedrag
-begonnen te vermoeden, dat hij op de eene of andere wijze den inhoud
-van het briefje vernomen had, en haar van haar voornemen zocht af
-te houden. Hoe langer hij haar bleef aanstaren, hoe rooder zij werd,
-en hoe minder zij zich op haar gemak begon te gevoelen.
-
-"Je mag mijne nieuwe c-c-catapult hebben!" fluisterde hij met een
-droevigen, teederen blik, dien zij als eene bede om veilig thuis te
-blijven uitlegde.
-
-Eindelijk stonden de wijzers op acht uur, en op een oogenblik dat de
-kinderen een hevigen woordenstrijd voerden over het bezit van een hond,
-die in den middag Misrule was binnengeloopen, sloop zij onbemerkt de
-kamer uit. Er was niemand in de vestibule, en zij nam het luchtige,
-flatteerende doekje, dat zij daar verborgen had, sloeg het om het
-hoofd, en liep de zijdeur uit en het pad op.
-
-In den tuin was de grond wit van de afgevallen rozenbladeren, en de
-lucht vervuld met hunne laatste geuren; lang, slank pampasgras teekende
-zich met sierlijke lijnen tegen de lucht af; eenige inlandsche boomen,
-die tusschen de gekweekte heesters waren blijven staan, strekten
-zilverwitte armen omhoog naar de maan, en maakten een spookachtigen
-indruk op het voortsnellende meisje. Zij vloog het hek uit en naar
-het eerste grasveld, waarheen de rozengeur niet meer kwam, en waar
-alleen eene scherpe hooilucht in de stille atmosfeer zweefde. Zij zag
-meer gomboomen, en meer witte spookachtige armen; opeens bewoog zich
-iets bij het hek, eenige zacht gefluisterde woorden werden geuit,
-en Meg stootte vol schrik een kreet uit.
-
-"Hier is de c-c-c-catapult, Meg! neem haar maar!" zeide Bunby, met
-een bleek en treurig gezicht.
-
-"Akelige jongen! wat kom je hier doen?" zeide Meg boos, zoodra zij
-van haar schrik bekomen was.
-
-"Ik wilde je alleen maar een genoegen doen, M-M-Meggie!" zeide de
-kleine jongen droevig snikkend.
-
-Hij had zijne beide armen om haar middel geslagen, en begroef zijn
-neus in hare wit mousselinen japon. Zij schudde hem haastig van zich.
-
-"Goed, goed; dank je!" zeide zij. "Ga nu naar huis, Bunby! Ik wilde
-in den maneschijn alleen eene wandeling maken."
-
-Hij stopte zijne vingers zoo diep in zijne oogen als maar eenigszins
-mogelijk was, opende zijn mond, en zijne onderlip trok hij al lager
-en lager naar beneden.
-
-"Ik--ik heb je iets verteld, wat--wat niet waar is!" zeide hij
-schreiend, en heen en weer wiegelend waar hij stond.
-
-"Zoo? Nu, het is goed! Ga nu maar naar huis!" zeide zij ongeduldig. "Je
-vertelt altijd onwaarheden, Bunby, dus ben ik volstrekt niet
-verwonderd. Kom, ga nu!"
-
-"M-maar ik moet je er a-alles van zeggen!" zeide hij, nog altijd
-bezig zijne oogen in zijn hoofd te drukken.
-
-"Het is niet noodig! Voor dezen keer zal ik je vergeven!" zeide zij
-grootmoedig, "maar je moogt het niet meer doen. Ga nu maar gauw naar
-huis, of anders kom je niet klaar met je werk, en dan straft miss
-Marsh je."
-
-Zijne oogen kwamen weer op hun gewone plaats terug, en zoo ook zijne
-handen. Met een volkomen verlicht hart ging hij naar huis. Toen hij
-een paar stappen geloopen had, kwam hij terug.
-
-"Ben je erg gesteld op de catapult, Meg?" zeide hij vleiend. "Je bent
-maar een meisje, en dus denk ik, dat je er niet veel aan zult hebben!"
-
-"Neen, ik heb er niets aan. Hier, daar heb je haar, en denk aan je
-werk!" antwoordde Meg, ongeduldig nu hij zoo treuzelde.
-
-En Bunby, buitengewoon gelukkig, wendde zich voor de tweede maal van
-haar af en liep vroolijk heen.
-
-In wilde haast, bevende, snelde Meg door de twee nog overige
-grasvelden.
-
-In het struikgewas aan het einde was alles stil; er was geen geritsel,
-geen geluid van eene stem, en ook weerklonk niet het geaffecteerde
-lachje, dat gewoonlijk Aldith's aanwezigheid aankondigde.
-
-Meg bleef ademloos staan en gluurde door de takken; eene lange gestalte
-leunde tegen het hek.
-
-"Andrew!" riep zij met gedempte stem, en vergat in haar angst, dat
-zij hem nooit bij den naam noemde. "Waar zijn de anderen? Is Aldith
-niet gekomen?"
-
-Zij rook een sigaar, en dichterbij komende, zag zij tot haar
-doodelijken schrik dat het Alan was.
-
-"O!" riep zij op onbeschrijfelijken toon.
-
-Haar hart bonsde van schrik en schaamte, en scheen toen stil te staan.
-
-Zij zag hem aan alsof zij hem smeekte niet al te slechte gedachten
-van haar te koesteren, maar zijn gelaat vertoonde de uitdrukking
-van minachting, die zij begonnen was zoo te vreezen, en zijne lippen
-krulden zich tot een fijnen glimlach.
-
-"Ik--ik wilde alleen maar even eene wandeling maken; het is zulk een
-mooien avond!" zeide zij, met een akelig gevoel van machteloosheid,
-en toen als om zich te rechtvaardigen, voegde zij er bij: "en dan,
-het zijn de weiden van mijn vader!"
-
-Hij bleef tegen het hek leunen, en keek op haar neer.
-
-"Flossie gaf mij uw briefje, en omdat het voor mij bestemd scheen, en
-zij mij buitendien zeide, dat het voor mij was, maakte ik het open,"
-sprak hij.
-
-"U wist, dat het voor Andrew was!" zeide zij, maar zij keek hem
-niet aan.
-
-"Dat vermoedde ik, toen ik het gelezen had," antwoordde hij langzaam;
-"maar Andrew is van avond nog niet thuis geweest, en dus kwam ik in
-zijne plaats, het is hetzelfde, als het maar een jongen is, nietwaar?"
-
-Het meisje gaf niets ten antwoord, maar hief hare hand op, en trok
-het doekje dichter om haar hoofd.
-
-Zijne lippen krulden zich iets meer.
-
-"En hoe men kust weet ik ook, dat verzeker ik u ... Waarschijnlijk had
-u dat van mij niet verwacht! O ja, ik weet wel, dat u gezegd heeft,
-dat u niet gekust wilde worden, maar dat zeggen de meisjes altijd,
-nietwaar?--zelfs wanneer zij het anders meenen."
-
-Altijd sprak Meg nog niet, en de kalme, onbarmhartige stem vervolgde:
-
-"Ik vrees, dat het nog wel niet donker genoeg voor u is. De maan is
-al heel vervelend, vindt u ook niet? Maar, we kunnen misschien een
-eindje verder nog wel eene donkerder plek vinden, en dan kan ik u
-zonder gevaar zoenen. Nu? is u altijd zoo stil met Andrew?"
-
-"O, spreek niet zoo!" zeide Meg met smeekende stem.
-
-Dadelijk liet hij den spottenden toon varen.
-
-"Miss Meg, u leek vroeger zulk een flink, aardig meisje," zeide hij
-bedaard, "waarom laat u zich bederven door die afschuwelijke Aldith
-MacCarthy, want zij is afschuwelijk, hoewel u er misschien niet zoo
-over denkt."
-
-Meg sprak niet, en bewoog zich niet, en hij vervolgde met een
-vriendelijken ernst, waartoe zij hem niet in staat had geacht.
-
-"Ik heb haar op de boot gade geslagen, en gezien hoe zij u systematisch
-bedierf, en ik kon niet nalaten te denken, hoe jammer dat is. Ik heb
-mij voorgesteld wat ik zou voelen, wanneer mijn klein zusje Flossie
-ooit in de handen van zulk een meisje viel, en begon te coquetteeren
-en zich dwaas aan te stellen, en ik dacht er toen ook aan, of u het
-mij zou kwalijk nemen, als ik er met u over sprak. Is u zeer boos op
-mij, Miss Meg?"
-
-Maar Meg leunde het hoofd tegen het ruwe hek, en begon te
-snikken--kleine, droge, innig droevige snikken, die tot het gevoelige
-hart van den jongeling spraken.
-
-"Ik had niet zoo moeten spreken, als ik in het begin deed--ik ben een
-lomperd geweest," zeide hij vol berouw, "vergeef het mij, wil u? och,
-doe het, Miss Meg, ik zou liever mijne hand afhouwen, dan u werkelijk
-pijn doen!"
-
-Dit laatste was ten minste een kleine troost, en Meg hief eene halve
-seconde lang het hoofd op; wit en ernstig was haar gelaat in het
-maanlicht, en nat van tranen.
-
-"Ik--ik--o! ik ben heusch niet zoo slecht als u denkt," zeide
-zij deemoedig; "ik wilde in het geheel niet gaarne deze wandeling
-maken, en o! heusch, heusch, heusch, ik zou niemand toestaan mij te
-zoenen. Geloof het toch!"
-
-"Ik geloof u, ik geloof u werkelijk," zeide hij met overtuiging;
-"ik heb het alleen gezegd, omdat--wel, omdat ik een groote, ruwe
-lomperd ben, en niet weet hoe ik met een teer, zacht meisje moet
-spreken. Lieve Miss Meg, geef mij uwe hand en zeg mij, dat u mijne
-onbesuistheid vergeeft."
-
-Meg strekte eene kleine, witte hand uit, en hij drukte deze met
-warmte. Toen liepen zij samen door de grasvelden, en scheidden bij
-een gebroken hek, dat toegang gaf tot den tuin.
-
-"Ik zal nooit meer coquetteeren zoolang als ik leef!" zeide zij met
-grooten ernst, toen hij afscheid van haar nam; en hij antwoordde
-bemoedigend:
-
-"Ik ben er van overtuigd, dat u het niet zal doen--dat is iets voor
-meisjes als Aldith! U moest alleen maar daarop gewezen worden. Vaarwel,
-Miss Meg!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK IX.
-
-GEVOLGEN.
-
-
- "Hoe kwam het toch, dat gij dit deedt?
- Berouw komt spoedig, zoo ge weet!"
-
-
-Maar Megs moeielijkheden waren nog niet ten einde. Toen zij het
-huis binnentrad, kwam Nell in de vestibule op haar toe geloopen,
-en staarde haar aan.
-
-"Waar ben je toch geweest?" zeide zij, en hare ronde oogen waren een
-en al verbazing. "Ik heb je overal gezocht."
-
-"Waarom?" vraagde Meg kort.
-
-"Dokter Gormeston en Mevrouw Gormeston en twee dames Gormeston zijn
-in het salon, en ik geloof, dat ze heelemaal niet meer weg gaan."
-
-"Nu?" zeide Meg.
-
-"En de Generaal is weer ziek, en Esther zegt, dat zij hem voor niets
-en voor niemand eene seconde alleen wil laten."
-
-"Nu?" zeide Meg nog eens.
-
-"En vader is zoo kwaad als hij maar zijn kan, en hij moet ze allen
-bezig houden. Hij heeft: "Mijn eerste liefde" en "Mona" gezongen,
-en hij heeft hun alles van zijne paarden verteld, en nu denk ik,
-dat hij niet weet, wat met hen te beginnen!"
-
-"Nu, daar kan ik niets aan doen," zeide Meg met moede stem, en alsof
-wat Nellie zeide, haar in het geheel niet aanging.
-
-"Dat zal dan toch wel dienen!" riep Nell scherp. "Ik heb gedaan wat
-ik kon, hij heeft om de meisjes gezonden, en omdat jij er immers niet
-was, waren er alleen Baby en ik."
-
-"En wat hebben jelui gedaan?" vraagde Meg, nieuwsgierig tegen wil
-en dank.
-
-"O, Baby heeft met de eene juffrouw Gormeston zitten praten, en zij
-vraagden mij, iets op de piano te spelen," sprak zij, "en dus heb
-ik mijn nieuwe stukje gespeeld. Toen ik er mede klaar was, merkte
-ik eerst dat er twee kruisen aan den sleutel staan," voegde zij er
-treurig bij. "En toen heeft Baby aan mevrouw Gormeston verteld hoe
-Judy den Generaal in de kazerne heeft gelaten, en hoe zij daarom naar
-de kostschool gezonden is, en van den groenen kikvorsch, dien Bunby
-haar gegeven heeft, en toen zeide vader, dat wij maar liever naar
-bed moesten gaan, en vraagde, wanneer jij nu toch eindelijk kwaamt."
-
-"Ik ga, ik ga!" zeide Meg haastig, "hij zal er morgen vreeselijk
-woedend om zijn. En, Nell, ga Martha zeggen, dat zij over een half
-uurtje wijn en koekjes binnen brengt."
-
-Zij wierp haar shawltje af, bracht vlug het haar in orde, en keek
-in den spiegel der vestibule of de nachtwind de sporen harer tranen
-had weggevaagd.
-
-Toen ging zij het salon binnen, waar haar vader stond, met een hoogrood
-en ongelukkig gezicht zijn best doende om vier gasten te amuseeren,
-die tot het soort, gewoonlijk bekend als "zwaar op de hand," behoorden.
-
-"Speel eens iets, Meg!" zeide hij, toen de begroeting was afgeloopen,
-en allen in een diep zwijgen dreigden te vervallen; "of zing eens,
-dat is nog beter,--heb je niet iets om te zingen?"
-
-Nu had Meg eigenlijk eene aangename, frissche, niet zeer sterke stem,
-naar welke men wel met genoegen kon luisteren, maar dien avond was
-zij vermoeid en opgewonden en treurig. Zij koos een eenvoudig lied
-en zong dikwijls valsch en zonder de minste uitdrukking.
-
-Zij wist, dat haar vader, zoolang haar gezang duurde, op heete kolen
-stond, en dat hare fouten hem doodelijk ergerden, en toen het lied
-geëindigd was, begon zij, liever dan zich om te keeren, en allen aan
-te moeten zien, Kowalski's Marche Hongroise te spelen. Maar de toetsen
-schenen naar haar toe te komen en hare handen te willen grijpen, en de
-piano scheen te wankelen en verontrustend heen en weer te schuiven;
-zij liet een afschuwelijken dissonant hooren, toen zij, om zich vast
-te houden, naar den muzieklessenaar greep, en gleed een oogenblik
-later van den stoel en viel flauw, juist in Dr. Gormeston's armen,
-die gelukkig bij tijds uitgestrekt werden.
-
-Opgewonden, overprikkeld als zij was, had de drukkende warmte van
-het salon haar bevangen.
-
-Kapitein Woolcot was buitengewoon geschokt door dit voorval; met geen
-enkele van zijne kinderen was ooit te voren zoo iets gebeurd, en toen
-Meg op de sofa lag, en haar blond hoofdje tegen de roode kussens
-steunde, terwijl haar gelaat zoo bleek en zielloos was, geleek zij
-wonderlijk veel op hare moeder, die hij nu vier jaren geleden naar
-het kerkhof gebracht had. Hij ging naar den filter om een glas water
-te halen, en, terwijl het vocht uit de kraan liep, dacht hij er dof
-en werktuigelijk over na, of zijne kleine gestorven vrouw misschien
-ook dacht, dat hij te snel had gehandeld, toen hij Esther tot hare
-opvolgster koos. En daarop, terwijl hij naast de sofa stond, en naar
-dat gelaat keek, dat zooveel had van dat eener doode, dacht hij met
-eene koude huivering, of Meg ook zou sterven, en wanneer dit gebeurde,
-of zij dan die zelfde kleine vrouw zou kunnen zeggen, dat Esther aan
-zijne zijde meer liefde ondervond dan haar deel was geweest.
-
-Zijn gepeins werd afgebroken door de scherpe, verbaasde stem van den
-dokter. Hij sprak met Esther, die haastig was geroepen, en die Megs
-taille had helpen openhaken.
-
-"Het meisje heeft zich veel te veel geregen!" zeide hij. "Dat moet u
-toch ook opgemerkt hebben, mevrouw! Wanneer die drukking altijd even
-sterk is geweest, dan was die alleen al genoeg, om haar half dood te
-maken. Eene flauwte!--het verbaast mij, dat haar zoo iets niet eerder
-overkomen is!"
-
-Eene wolk trok over Esther's liefelijk, nu zoo bezorgd gelaat--nog
-eens was zij in het uitoefenen harer taak te kort geschoten. Haar
-echtgenoot keek haar met een duisteren blik aan, terwijl hij bij de
-sofa stond, waarop de jonge gestalte in hare verkreukte mousselinen
-japon lag, en haar hart zeide haar, dat zij niet als eene moeder voor
-deze kinderen zorgde.
-
-Later, toen Meg te bed lag en alles meer tot kalmte was gekomen,
-zocht zij bijna schuchter haar echtgenoot op.
-
-"Ik ben eerst twintig, Jack! Wees niet hard!" zeide zij met een
-snik. "Ik kan niet geheel voor hen zijn, wat zij voor hen was, is
-het wel zoo?"
-
-Hij kust het jonge, schoone hoofd dat tegen zijn schouder lag, en
-sprak een paar teedere woorden tot haar. Maar telkens en telkens weer
-stond hem dien nacht Megs wit, onbeweeglijk gelaat voor den geest,
-zooals het op de roode kussens gelegen had, en hij wist, dat de wind,
-die de gordijnen voor het venster bewoog, enkele minuten geleden met
-het lange gras op het kerkhof gespeeld had.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK X.
-
-BUNBY ALS HELD.
-
-
-Het was weer eens uitgekomen, dat Bunby een geheel weefsel van
-onwaarheden had verteld. Het was ditmaal een ernstig geval, en hij
-gevoelde zich naar verhouding ongelukkig. Iedereen was uit behalve Meg,
-die nog te bed lag na haar aanval van bewusteloosheid, en hij was op
-een der grasvelden eenzaam een spelletje cricket gaan spelen. Maar
-zelfs niettegenstaande een spiksplinternieuwen cricketbal kan dit
-spel na een poosje alle bekoorlijkheid verliezen, wanneer men geheel
-alleen voor alles staat. Dus bracht hij weldra zijn bal naar den tuin,
-en begon op goed geluk met den bal te gooien, terwijl hij er over
-mijmerde, wat hij zou beginnen. Het paard van zijn vader stond aan
-het andere einde van het grasveld, en loom en zonder na te denken
-ging Bunby naar dien kant en wierp toen zijn bal rakelings over den
-grond naar het dier toe om het "eens op te laten springen." Niets
-lag verder van hem af dan de gedachte, het dier te willen kwetsen,
-en toen de bal tegen den poot van het paard sloeg, en het hinkend
-weg liep, vloog hij naar hem toe, bleek en vol angst. Aan de manier,
-waarop het arme dier den poot hield opgetrokken, en trilde, wanneer hij
-het aanraakte, kon hij merken, dat hij het ernstig bezeerd had. Een
-doodelijke schrik greep hem aan, en hij liep haastig weg, vervuld
-met zijne gewone gedachte, van zich ergens te willen verbergen. Maar
-tot zijne hevige ontsteltenis zag hij, toen hij het grasveld reeds
-half achter zich had, zijn vader met een kameraad door de poort van
-het tuinhek komen en langzaam in de richting van het paard, dat zeer
-kostbaar en fraai was, voortloopen.
-
-Vol berouw over wat hij gedaan had, verborg hij den cricketbal voor in
-zijn matrozenbuisje, en nadat hij zich plotseling op zijne knieën had
-laten vallen, begon hij met grooten ijver te knikkeren. Zijn bevende
-duim had ongeveer een dozijn knikkers her- en derwaarts gestuurd,
-toen hij luide zijn naam hoorde roepen.
-
-Hij stond op, klopte het stof van zijne trillende beenen, en ging
-langzaam naar zijn vader.
-
-"Ga Pat zeggen, dat hij dadelijk hier moet komen!" zeide
-de kapitein. Hij hield den poot van het paard in zijne hand en
-onderzocht dezen vol angst. "Als hij er niet is, zend Pip dan. Ik
-kan niet begrijpen, hoe het gekomen is--weet jij er iets van, Bunby?"
-
-"Wel neen, natuurlijk niet! Ik heb--niets gedaan!" antwoordde Bunby
-klappertandend, maar zijn vader was te afgetrokken om de duidelijke
-kenteekenen van zijne schuld op te merken, en zeide hem dadelijk heen
-te gaan.
-
-Dus ging hij naar den stal, en zond Pat naar zijn vader.
-
-En toen sloop hij het huis binnen, kaapte twee appels en een cake
-uit de eetkamer, en ging weer heen om diep wanhopig te zijn tot het
-oogenblik, waarop hij zou biechten.
-
-Hij kroop naar een leeg staand gebouwtje niet ver van het woonhuis
-gelegen; in vroegeren tijd was dit een stal geweest, en het had twee
-verdiepingen, waarvan de bovenste alleen bereikt kon worden door middel
-van een ladder, die zich in een toestand van groot verval bevond. Bunby
-klauterde naar boven, zette zich innig bedroefd op een bos stroo neer,
-en begon peinzend op een der appels te bijten.
-
-Wanneer er ooit een kleine jongen eene verstandige, liefhebbende moeder
-noodig had, dan was het wel dit ventje met zijn bemorst gezicht en
-zijn bezwaard hart, dat met zijn hoofd tegen een balk vol spinrag zat
-en neerslachtig mompelde: "Ik kan het niet helpen! Het was de schuld
-van het paard!"
-
-Hij meende iets te hooren bewegen op den tweeden zolder, welke
-door een laag beschot van dien, waarop hij zat, gescheiden
-was. "Kischt--kischt, maakt dat je wegkomt!" riep hij, denkende,
-dat er ratten waren. Verscheiden malen stampte hij met zijne zware
-laarzen op den vloer.
-
-"Kischt!" riep hij nog eens.
-
-"Bunby!"
-
-Het kind werd tot in de lippen bleek. Zijn naam, die daar zoo
-vreemd en zacht gefluisterd werd, dat geritsel zoo dicht in zijne
-nabijheid--o! wat zou dat beduiden!
-
-"Bunby!"
-
-Nog eens weerklonk zijn naam. Ditmaal luider, maar de stem, die
-hem uitsprak, was vermoeid, en de klank er van deed hem zonderling
-aan. Het geritsel werd hoorbaarder, er gleed iets over het beschot,
-liep over den vloer, en kwam naar hem toe. Hij snikte van angst en
-wierp zich plat op den grond, en verborg zijn gezicht, waaruit alle
-kleur geweken was, in het stroo.
-
-"Bunby!" zeide de stem nog eens, en eene hand raakte even zijn arm aan.
-
-"Help me--help me!" gilde hij. "Meg--vader--Esther!"
-
-Maar op zijn mond werd haastig eene hand gelegd, en eene andere trok
-hem omhoog.
-
-Hij had zijne oogen zeer vast gesloten, om den geest niet te zien, die,
-zooals hij wist, gekomen was om hem voor zijne zonden te straffen. Maar
-iets dwong hem, ze te openen, en toen--kon hij ze van verbazing niet
-weer sluiten.
-
-Want het was Judy, die hare hand op zijn mond had gelegd, en Judy,
-die naast hem stond.
-
-"Groote hemel!" zeide hij, vol innige verwondering. Hij staarde haar
-aan om zich te overtuigen, dat zij werkelijk van vleesch en bloed
-was. "Hoe kom jij hier?"
-
-Maar Judy gaf geen antwoord. Zij nam eenvoudig den appel, die nog
-over was, en den cake uit zijne hand en, nadat zij was gaan zitten,
-at zij deze zwijgend op.
-
-"Heb je niets anders?" vraagde zij angstig.
-
-Toen merkte hij eerst op hoe mager zij was, en hoe slecht zij er
-uit zag. Hare kleederen hingen bijna in flarden om haar lichaam,
-hare laarzen waren gescheurd en wit van het stof, haar bruin gezicht
-was ingevallen en toonde scherpe lijnen, en haar haar was dof en hing
-woest in vlokken om haar hoofd.
-
-"Groote hemel!" zeide Bunby nog eens, en zijne oogen schenen uit zijn
-hoofd te zullen rollen--"groote hemel, Judy, wat heb je uitgevoerd?"
-
-"Ik--ik ben weggeloopen, Bunby!" zeide Judy met trillende stem. "Ik
-heb den geheelen weg, van de school tot hier, te voet afgelegd. Ik
-had zulk een verlangen naar jelui allen!"
-
-"Wel heb ik van mijn leven!" zeide Bunby.
-
-"Ik heb eerst alles goed overlegd," vervolgde Judy, terwijl zij met
-eene loome beweging, het haar naar achteren streek. "Ik kan mij nu
-niet alles herinneren, ik ben zoo moede, maar alles zal in orde komen."
-
-"Maar wat zal hij zeggen?" riep Bunby met verschrikte oogen, want
-hij had aan zijn vader gedacht.
-
-"Hij zal er natuurlijk niets van te weten komen," antwoordde Judy op
-een toon, alsof zij vond, dat dit van zelf sprak. "Ik zal hier op dezen
-zolder een tijdje wonen, en jelui kunt mij hier allen komen bezoeken
-en mij eten en allerlei brengen, en dan zal ik weer terug gaan naar
-school." Zij zonk achterover in het stroo en sloot gedurende een paar
-minuten uitgeput hare oogen; Bunby kon de oogen niet van haar afwenden.
-
-"Hoe ver is het van je school tot hier?" zeide hij eindelijk.
-
-"Zeven en zeventig mijlen." Judy trilde terwijl zij sprak. "Van Lawson
-tot Springwood heb ik in een goederentrein gezeten, en een klein
-eind heb ik ook nog in een kar afgelegd, maar overigens heb ik alles
-geloopen. Ik ben bijna eene week onderweg geweest," voegde zij er na
-een oogenblik zwijgens bij, en sloot toen weer voor geruimen tijd de
-oogen. Een paar tranen, die zij uit zwakte en uit medelijden met zich
-zelve schreide, drongen tusschen hare zwarte wimpers door en lieten
-een smal, helder spoor op hare wangen na. Bunby voelde, hoe zijn keel
-dichtgenepen werd bij dit gezicht, zoo lang hij zich kon herinneren,
-had hij Judy nooit zien schreien. Hij liefkoosde hare magere hand,
-hij wreef zijn hoofd tegen haar schouder en zeide: "Houd je goed,
-houd je goed!" met min of meer onvaste stem.
-
-Maar dit maakte, dat een half dozijn groote, zware druppels tusschen
-de gesloten oogleden doorstroomden, en Judy draaide zich om, en legde
-zich voorover om hare tranen te verbergen. Toen richtte zij zich in
-eene zittende houding op, en begon werkelijk te lachen.
-
-"Als nu de dames Burton mij eens konden zien!" zeide zij. "O, ik
-heb alles zoo slim bedisseld; zij denken, dat ik veertien dagen te
-logeeren ben in Katoomba--o Bunby, je moest de krullen eens kunnen
-zien, die Miss Marian tegen haar wangen geplakt draagt!" Zij zweeg,
-lachte zenuwachtig opgewonden, en begon toen te hoesten, tot de tranen
-weer in hare oogen kwamen.
-
-"Ga gauw iets voor mij halen om te eten," zeide zij wrevelig, toen
-zij weer op adem kwam, "je kondt ook wel eens bedenken, dat ik sedert
-gisteren morgen niet gegeten heb; maar, je hebt altijd alleen aan je
-zelven gedacht, Bunby!"
-
-Hij stond op en maakte zich gereed heen te gaan, alles in de grootste
-haast. "Wat wil je hebben? Wat zal ik halen?" zeide hij, en een been
-stond reeds op de bovenste trede.
-
-"Alles is goed, als het maar veel is," zeide zij,--"het komt er niet
-op aan, wat het is! Ik geloof, dat ik dit stroo zou kunnen eten,
-en de balken zou kunnen stukbijten alsof ze van beschuit waren. Het
-heeft mij werkelijk moeite gekost, niet met jou te beginnen, Bunby! Je
-bent zoo dik, dat er aan jou menig goed kluifje moet zijn!"
-
-In hare oogen tintelde de oude levenslust, maar zij begon opnieuw te
-hoesten, en toen de hoestbui bedaard was, lag zij uitgeput neer.
-
-"Roep een van de anderen!" riep zij met zwakke stem, toen zijn hoofd
-verdween. "Jij alleen bent niet van groot nut!"
-
-Zijn hoofd dook weer een oogenblik op, en hij beproefde met een
-glimlach het leed, dat hare woorden hem veroorzaakten, te verzetten,
-want juist op dat oogenblik zou hij zonder een zucht te slaken voor
-haar gestorven zijn.
-
-"Het spijt mij erg voor je, Judy!" zeide hij vriendelijk, "maar alle
-anderen zijn uit. Kan ik je niet helpen? Ik zal alles graag voor je
-doen, Judy!"
-
-Judy lette niet op het zachte gesnuif, dat de laatste woorden
-vergezelden, en keerde haar gelaat naar den muur.
-
-Weer rolden twee groote tranen langs hare wangen.
-
-"Hadden zij nu niet thuis kunnen blijven?" zeide zij met een
-snik. "Konden zij nu niet begrijpen dat ik mijn best zou doen, om
-terug te komen. Waar zijn zij?"
-
-"Pip is gaan visschen," antwoordde hij, "en Nell draagt de mand voor
-hem. En Baby is bij de Courtney's, en Esther is met den Generaal naar
-de stad gegaan. En Meg ligt ziek te bed, omdat zij gisterenavond te
-stijf geregen was en flauw gevallen is."
-
-"Zij zullen mij wel geen oogenblik gemist hebben!" was hare bittere
-gedachte, toen zij hoorde, hoe alles zijn gewonen gang ging, terwijl
-zij zooveel doorgemaakt had, alleen om hen allen te zien.
-
-Toen kwam weer dat gevoel van zwakte terug, en zij sloot hare oogen
-en lag volkomen stil, tijd, plaats en honger vergetende.
-
-Bunby spoedde zich met gevleugelden tred over het grasveld; het
-gezicht van zijn vader, die bij den stal stond, veroorzaakte hem een
-plotselingen schrik, en deed hem aan zijne eigen zorgen denken, maar
-deze gedachten zette hij van zich af, en vloog verder. De deur van de
-provisiekamer was gesloten. Martha, de keukenmeid, zorgde er wel voor,
-dat dit meestal het geval was, wegens zijne eigen zondige voorliefde
-voor hare taarten en gebakken; alleen door middel eener krijgslist
-zou hij er in kunnen komen, dit moest hij, tot zijn spijt, zelf inzien.
-
-Maar Judy's honger! Geen eten gehad te hebben sedert gisteren morgen!
-
-Hij herinnerde zich, zelfs nu nog met eene aandoening van pijn, het
-afschuwelijke gevoel dat hij de vorige week gehad had, toen hij voor
-straf zonder thee naar bed was gestuurd. Hij sloot de lippen vast
-op elkander en zijne oogen straalden van de geestdrift, waarmede een
-heldhaftig besluit hem bezielde.
-
-In den zijmuur van het huis was het venster der provisiekamer;
-dikwijls had hij er verlangend naar opgezien, maar hij had nooit
-gewaagd er in te klimmen, want een vreeselijke, kruipende cactus wond
-zich tegen den muur.
-
-Maar nu, voor Judy, zou hij het doen of sterven. Hij liep om het huis
-en naar het zijvenster; er was niemand te bespeuren, overal scheen het
-even rustig. Martha, dit had hij gezien, was in de keuken bezig met
-kooken, en het andere dienstmeisje witte de veranda aan de voorzijde
-van het huis. Hij wierp een vastberaden blik op de groote, puntige
-dorens, en klom in het volgende oogenblik tusschen hen door omhoog.
-
-O, wat prikten en schramden zij hem! Zijn eene arm gaapte met eene
-groote wond, zijn linkerkous werd weggescheurd en een diepe roode
-schram werd op zijn been zichtbaar, zijne handen bloedden en trilden
-van pijn.
-
-Maar hij had de vensterbank bereikt, en dat was zijn doel.
-
-Hij schoof het kleine raam omhoog, en wrong met veel moeite zijn
-dik lichaampje er doorheen. Toen kwam hij op eene plank terecht, en
-liet zich van daar op den grond glijden. Hij had geen tijd om naar
-zijne kwetsuren te kijken, slechts een weemoedige blik sloeg hij op de
-breedste schram en begon toen naar proviand te zoeken. De provisiekamer
-was merkwaardig leeg--geen bewijsje van cakes, geen hapje gelei, geen
-gevogelte waar ook. Hij brak een groot stuk van een brood, en pakte
-zorgvuldig wat boter in een courant. Er stond nog koud vleesch op een
-schotel, hij sneed er een stevige homp van af, en vereenigde dit met
-een stuk van een zandtaart tot een pakket. Hij borg dit alles in zijn
-matrozenbuisje, en vulde zijne zakken met sinaasappels, geconfijte
-citroenschillen, krenten en andere lekkernijen, die hij alle in
-de stopflesschen vond. En toen maakte hij zich tot den moeielijken
-terugtocht gereed.
-
-Hij klom op de plank, stak zijn hoofd buiten het venster, en wierp
-een wanhopigen blik op den cactus. En in het oogenblik, dat hij
-nederknielde, weerklonk achter hem het geluid, dat een sleutel maakt,
-als hij in een slot wordt omgedraaid.
-
-Radeloos keek hij om zich heen,--daar stond Martha in de deur, en
-tot zijn doodelijken schrik sprak zij met zijn vader, die zich in de
-gang bevond.
-
-"Ik zoek de arnica!" zeide de kapitein. "Naar alle waarschijnlijkheid
-is zij in de provisiekamer, omdat ze daar niet hoort te zijn. Ik heb
-haar in mijne slaapkamer op den schoorsteenmantel laten staan, maar de
-een of ander schijnt noodig gevonden te hebben, er aan te komen. Waarom
-kunnen jelui toch niet met je handen van mijne zaken afblijven?"
-
-"En waarom zou ik haar ergens anders gezet hebben?" antwoordde
-Martha. "Ik maak er mijn beslag niet mede aan, om het gebak luchtig
-te doen zijn, ten minste in den regel niet."
-
-Zij schudde het hoofd, en door deze beweging werd zij de kleine,
-knielende, bevende gestalte bij het venster gewaar.
-
-Nu was de deur maar half open, en haar meester stond juist op den
-drempel, dus kon zij alleen van het schouwspel genieten.
-
-Tweemaal opende zij den mond om te spreken, maar Bunby keek haar
-zoo innig smeekend aan, dat zij hem weer sloot en zelfs de flesschen
-op de plank naast de deur begon na te zien, om hem gelegenheid tot
-ontsnappen te geven.
-
-Nog ééne minuut en hij zou gered zijn geweest--nog ééne minuut en
-hij zou midden tusschen de doornen van den cactus hebben gehangen,
-die nu evenwel al het afschrikwekkende verloren hadden.
-
-Maar het lot was hem niet gunstig. En dit kwam alleen, omdat Martha
-Tomlinson's schoen een afgeloopen hak had. Toen zij zich omdraaide
-glipte haar voet uit haar schoen, en om haar evenwicht te bewaren,
-strekte zij eene hand uit. En toen zij de hand uitstrekte stootte
-zij tegen eene kruik. En de kruik deelde den schok mede aan een
-schotel. Deze sloeg om, en schoof de groote melkkan van de plank,
-zoodat zij op den grond sloeg. Ik weet niet, of ge ooit beproefd hebt,
-een planken vloer schoon te maken, nadat er melk op gevallen was, maar
-in ieder geval ben ik er van overtuigd, dat ge u wel kunt voorstellen,
-dat het een onaangenaam werk is, vooral als ge hem denzelfden morgen
-pas duchtig geschrobd had. Men kan er zich dus eigenlijk niet over
-verbazen, dat Martha, in hare groote woede over het ongeluk, zich
-boos omwendde, en naar het kind wijzende, dat als versteend in het
-venster zat, op wanhopigen toon vraagde, hoe de goede heiligen het met
-dien akeligen jongen konden uithouden, haar geduld, in ieder geval,
-was ten einde.
-
-De kapitein kwam met een woedenden stap de provisiekamer binnen,
-en commandeerde Bunby met luide stem, naar beneden te komen.
-
-Het jongentje liet zich in hevigen angst op den grond glijden.
-
-"Hij steelt en pakt overal wat weg, en hij liegt dat hij zwart
-ziet!" zeide Martha Tomlinson, terwijl zij met een onvriendelijken
-blik naar het ongelukkige kind keek.
-
-Twee, drie, vier, vijf woedende tikken met de rijzweep, die de kapitein
-in de hand had, en Bunby dook onder zijn arm weg en vluchtte huilende
-de gang door en de achterdeur uit.
-
-Hij liep over de grasvelden, en snikte bij iederen voetstap, maar
-voelde zich tegelijkertijd door het verheffende gevoel bezield,
-dat hij dit alles droeg terwille van een ander.
-
-Had iemand hem dit vroeger voorspeld, dan zou hij het nauwelijks hebben
-kunnen gelooven, dat hij ooit zoo iets edels volbrengen zou, en de
-gedachte daaraan verzachtte de pijn, die de klappen en de schrammen
-hem veroorzaakten. Hij beproefde zijn gesnik te onderdrukken, toen
-hij het gebouwtje bereikte, en stopte zelfs voor dat doel eene handvol
-krenten in zijn mond, voor hij er was aangekomen.
-
-Maar het gezicht, dat weer te voorschijn kwam door het luik naast Judy,
-was hoogst treurig, en droeg de sporen van tranen en van krabben.
-
-Zij bewoog zich niet, hoewel hare oogen half geopend waren, en hij
-knielde neer en raakte haar schouder aan.
-
-"Hier breng ik je wat, Judy! Wil je nu niet iets eten?"
-
-Zij schudde langzaam het hoofd.
-
-"Neem wat koud vleesch, of wat rozijnen; ik heb ook geconfijte
-citroenschil, als je daar soms meer zin in hebt!"
-
-Zij schudde nogmaals het hoofd. "Neem alles maar weer mede weg!" zeide
-zij zacht kermend.
-
-Diepe teleurstelling was op zijn klein, verhit gelaat te lezen.
-
-"En ik heb doodsangsten uitgestaan om het te krijgen! He, wat ben je
-een akelig spook!" riep hij.
-
-"Ach, ga heen!" kermde Judy, terwijl zij haar hoofd onrustig dan
-naar deze, dan naar gene zijde bewoog. "O, wat doen mijne voeten mij
-pijn! neen--mijn hoofd, en mijne zijde--o, ik weet niet wat ik heb!"
-
-"Hier en hier heb ik slaag gehad," zeide Bunby, de plaatsen
-aanwijzende, en met zijne mouw veegde hij de dikke tranen weg, die
-hij om zijn eigen ongeluk geschreid had. "Die ellendige oude cactus
-heeft me overal gekrabd!"
-
-"Denk je, dat ik nog veel mijlen zal moeten afleggen?" zeide Judy,
-en zoo vlug, dat de woorden in elkaar schenen te vloeien. "Ik heb
-honderden geloopen, en ben nog niet thuis. Ik denk, dat het komt,
-omdat de aarde rond is, en ik zal zeker spoedig het schoolhek weer
-binnen komen!"
-
-"Wees niet zoo idioot!" zeide Bunby knorrig.
-
-"Ik kan er zeker en stellig op rekenen, nietwaar Marian, dat je er
-nooit een woord van zult zeggen, ik vertrouw op je, en als je doet wat
-je beloofd hebt, kan ik naar huis gaan en weer terug komen, en niemand
-zal er ooit iets van weten. En leen mij twee shillings, wil je? Ik
-heb niet veel geld meer. Bunby, egoïste jongen, haal mij toch wat
-melk! Urenlang vraag ik je er al om, en je laat mij maar versmachten!"
-
-"Eet wat vleesch, Judy!--ach Judy, wees niet zoo vreemd en onaardig,
-ik heb werkelijk doodsangsten uitgestaan toen ik het voor je haalde,"
-zeide Bunby, en beproefde met trillende vingers een stuk in haar mond
-te duwen.
-
-Het kleine meisje wierp zich op de andere zijde en begon weer te
-kreunen.
-
-"Zeven en zeventig mijlen," zeide zij, "en gisteren heb ik elf
-geloopen, dat is dus elfhonderd zeven en zeventig--en zes den dag
-daarvoor omdat ik eene blaar op mijn voet had--dat is elfhonderd
-drie en tachtig. En als ik tien mijlen per dag loop, zal ik thuis
-zijn in elfhonderd drie en tachtig maal tien, dat is duizend
-en--en--hoeveel? hoeveel is het? Bunby, kind, kan je mij niet
-zeggen hoeveel? Mijn hoofd doet te veel pijn om uit te rekenen
-hoeveel jaren duizend en zooveel dagen in jaren zijn--dat is een
-jaar,--twee jaar--twee jaar--drie jaar voor ik er ben. O, Pip, Meg,
-drie jaar! O Esther! vraag hem, vraag hem of hij me niet wil laten
-thuiskomen! Drie jaar--drie--drie!"
-
-De laatste woorden werden bijna gillend uitgestooten en het kind
-richtte zich op, en beproefde te loopen.
-
-Bunby greep haar arm en hield haar vast.
-
-"Laat me gaan, versta je mij niet?" zeide zij met heesche stem. "Zoo
-zal ik er nooit komen! Drie jaren, en zooveel mijlen!"
-
-Zij duwde hem op zijde en wilde over den zolder loopen, maar hare
-knieën knikten en zij viel buiten kennis neer. "Meg--ik ga Meg
-halen!" zeide de kleine jongen met trillende, angstige stem, en hij
-gleed door de opening en spoedde zich naar huis.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XI.
-
-EENE VLUCHTELING.
-
-
-Als een wervelwind stoof hij Meg's slaapkamer binnen. "Zij is in
-het oude gebouwtje, Meg, en, zeker weet ik het niet, maar ik denk,
-dat zij gek geworden is; en ik ben vreeselijk geslagen geworden,
-en de cactus heeft me bijna heelemaal open gekrabd, en ik heb toch
-niets gezegd. En nu wil ze niet eens eten. Zij is weggeloopen--ik
-geloof zeker, dat ze gek is!"
-
-Meg beurde haar bleek, ontzet gelaat van het kussen op.--"Wie dan
-toch--wat--"
-
-"Judy!" zeide hij, en barstte door overspanning in tranen uit. "Zij
-is in het oude gebouwtje, en ik geloof, dat zij gek is geworden!"
-
-Meg stond langzaam op, deed hare kleeren aan, en zelfs toen nog
-niets van het avontuurlijke verhaal geloovende, ging zij met hem
-naar beneden.
-
-In de vestibule ontmoetten zij hun vader, die juist uit wilde gaan.
-
-"Ben je weer beter?" zeide hij tot Meg. "Je hadt den geheelen dag in
-bed moeten blijven, maar, misschien zal de lucht je goed doen."
-
-"Dat denk ik ook," antwoordde zij werktuigelijk.
-
-"Ik kom in de eerste uren niet naar huis--het zou zelfs kunnen zijn,
-dat Esther en ik eerst morgen ochtend terug kwamen."
-
-"Goed!" sprak Meg.
-
-"Pas vooral op de kinderen, en wees zelve voorzichtig--en, dat is
-waar ook, Bunby gaat vandaag zonder thee naar bed--hij zal niet van
-honger sterven, daar ben ik zeker van."
-
-"Goed!" zeide het meisje nogmaals, en zij kwam eerst tot het besef van
-wat de laatste woorden beduidden, toen Bunby dicht bij haar elleboog
-verbolgen: "Gemeen!" fluisterde.
-
-Toen kwam de dogcart voor, en de kapitein vertrok tot hunne
-onuitsprekelijke verlichting.
-
-"Nu, wat is dit voor eene dwaze geschiedenis?" zeide Meg, terwijl
-zij zich tot haar broertje wendde. "Het zal wel weer een van je
-verzinseltjes zijn, kleine ondeugende jongen!"
-
-"Kom maar mee!" antwoordde Bunby, en hij leidde haar door de
-grasvelden. Halverwege ontmoetten zij Pip en Nell, die vroeger dan
-plan was geweest van de vischvangst terugkwamen. Nellie keek treurig
-voor zich, en liep op een eerbiedigen afstand achter haar broeder aan.
-
-"Men zou even goed een phonograaf mee kunnen nemen als Nellie!" zeide
-hij, een blik vol toorn op deze schuldige werpend. "Zij heeft den
-geheelen tijd door gebabbeld, zoodat ik geen oogenblik kans had,
-dat een visch zou aanbijten."
-
-"Judy is thuis!" zeide Bunby, vol van het groote nieuws. "Niemand heeft
-haar gezien behalve ik, ik heb mijn leven voor haar gewaagd door op
-cactussen te klimmen en in vensters en wat al niet, en ik heb slaag
-gehad van vader, maar ik heb toch niets verteld, nietwaar, Meg? Ik heb
-haar hier in het oude gebouwtje ondergebracht, en heb vleesch en van
-allerlei voor haar gehaald--kijk nu toch eens even naar mijne beenen!"
-
-Vol fierheid toonde hij zijne schrammen, maar Meg ging haastig verder,
-en Pip en Nellie volgden, een en al verbazing. Bij het gebouwtje
-gekomen stonden zij stil.
-
-"Het is een grap van Bunby!" zeide Pip verachtelijk. "Het is nog niet
-de eerste April, mijn zoon!"
-
-"Kom dan toch mee!" antwoordde Bunby, en klom omhoog. Pip volgde,
-en stootte een zachten kreet uit; daarop klauterden Meg en Nell,
-met meer moeite, naar boven, en toen was het gezelschap bijeen.
-
-Judy was tot rust gekomen, en lag met wijd geopende oogen, moede,
-naar de dakbalken te staren.
-
-Zij keek hen glimlachend aan, toen zij zich allen om haar
-schaarden. "Als Mahomet niet naar den berg wil komen..." zeide zij,
-en hoestte toen twee of drie minuten lang.
-
-"Wat ben je begonnen, Judy, zusjelief?" zeide Pip, met eene vreemde
-trilling in zijne stem. Het gezicht van zijne lievelingszuster,
-die mager, met holle wangen, uitgeput daar neer lag, greep zijn warm
-jongenshart aan. Er kwam een nevel voor zijne oogen.
-
-"Hoe ben je hier gekomen, Judy?" zeide hij, sterk met de oogleden
-knippend.
-
-En het meisje keek tot hem op met haar eigenaardigen, stralenden
-blik. "Rijpaardjes houden ze er bij ons op school niet op na,"
-zeide zij, "maar misschien dacht je, dat ik in een ballon hierheen
-was komen drijven?"
-
-Weer hoestte zij.
-
-Meg viel op hare knieën en sloeg hare armen om haar klein, mager zusje.
-
-"Judy!" riep zij. "O, Judy, Judy, mijn arm kind!"
-
-Judy lachte even en noemde haar dwaas, maar weldra verdween die
-opgeruimde stemming en begon zij zenuwachtig te snikken. "Ik heb zulk
-een honger!" zeide zij ten laatste droevig.
-
-Alle vier sprongen op, als wilden zij de gezamenlijke magazijnen van
-Sydney leeg gaan dragen, om haar honger te stillen. Maar Meg ging
-weer zitten en legde het hoofdje met de woeste krullen in haar schoot.
-
-"Pip, ga jij naar huis," zeide zij, "en haal wijn en een glas, en in
-den vliegenkast staat een gebraden kip; ik kreeg daar een gedeelte
-van bij den lunch, en Martha zeide, dat zij het overblijvende zou
-wegzetten, en dat ik het bij de thee kon krijgen; en kom gauw terug,
-Pip!"
-
-"Natuurlijk!" zeide Pip bij zich zelven, en hij vloog de trap af,
-naar het woonhuis.
-
-"Wel heb ik van mijn leven!" zeide Martha, toen zij hem vijf minuten
-later in de gang tegenkwam, en hij eene karaf van geslepen glas onder
-den arm had, een wijnglas bij zich had dat hij met de tanden bij den
-voet vasthield, en een schotel met koude kip in zijne hand droeg,
-waarop ook nog een stapeltje boterhammen lag. "Wel heb ik van mijn
-leven! En wat nu nog meer?"
-
-"Loop naar je grootje!" zeide Pip, stormde haar in groote haast
-voorbij, en maakte een omweg om naar het gebouwtje te komen, daar
-hij dacht, dat zij hem wellicht bespiedde.
-
-Hij knielde naast zijn zusje neer, en verkwikte haar met kleine
-stukjes kip en teugen wijn, en streek over haar woesten haardos,
-en noemde haar wel vijftig maal zijn liefste zusje, en smeekte haar
-toch vooral nog een beetje te eten.
-
-En Judy, die den blik der bruine, vochtige oogen boven haar,
-opving, at alles wat hij haar gaf, hoewel het haar in het begin bijna
-onmogelijk scheen. Zij zou hebben gegeten, al had hij haar olifantshuid
-aangeboden, nu zij gevoelde, dat zij van dezen broeder meer hield,
-dan van wien ook op de geheele wereld, en dat hij zulk een verdriet
-had. En het voedsel deed haar goed, zij ging opzitten en praatte na
-eene korte poos op geheel natuurlijken toon.
-
-"Je hadt het heusch niet moeten doen, Judy, heusch niet! En wat vader
-tegen je zal zeggen, nu, dat zullen we moeten afwachten."
-
-"Hij zal er nooit iets van weten, dat ik hier ben," antwoordde zij
-snel. "Ik zou het jelui nooit vergeven, als je het hem verteldet. Ik
-kan maar eene week hier blijven. Ik heb alles uitstekend ingericht,
-en ik zal op dezen zolder logeeren; vader komt hier nooit, dus ben
-ik hier veilig, en jelui komt mij eten brengen. En na eene week"--zij
-zuchtte diep, "moet ik weer weg!"
-
-"Heb je werkelijk al die mijlen geloopen alleen om ons weer te
-zien?" zeide Pip, en weer was er die vreemde trilling in zijne stem.
-
-"Een paar maal onder weg heb ik kunnen sporen of rijden," zeide zij,
-"maar overigens heb ik altijd geloopen, ik ben bijna eene week
-onderweg geweest."
-
-"Hoe heb je dat kunnen uithouden, Judy? Waar sliep je, wat at je?" riep
-Meg uit, met groote droefheid.
-
-"Dat ben ik bijna alweer vergeten!" zeide Judy, en zij sloot hare
-oogen. "Ik heb aan kleine woningen om eten verzocht, en soms vraagde
-men mij, of ik niet wilde blijven slapen. En dan had ik nog drie
-shillings en zes pennies--daar ben ik lang mede toegekomen. Ik heb
-maar twee nachten buiten geslapen, en toen had ik toch altijd mijn
-manteltje."
-
-Megs gelaat was bleek van ontsteltenis, bij het verhaal van haar
-zusters avonturen. Zeker zou geen ander meisje dan Judy Woolcot op
-het buitensporige denkbeeld zijn gekomen al die mijlen te voet af te
-leggen met drie shillings en zes pennies in den zak.
-
-"Hoe heb je het kunnen doen?" was alles, wat zij zeide.
-
-"Ik was niet van plan geweest, den geheelen weg te loopen," zeide Judy
-met een flauw glimlachje. "Ik had zeven shillings in een stukje papier
-in mijn zak gestoken, evenals de drie shillings en de zes pennies,
-en ik wist, dat ik daarvoor een heel eind zou kunnen komen met den
-trein. Maar ik verloor het eene papiertje onder weg, en ik wilde daar
-niet voor teruggaan, dus moest ik natuurlijk loopen."
-
-Meg raakte hare wang even aan.
-
-"Het is geen wonder, dat je zoo mager geworden bent!" zeide zij.
-
-"O, Marian en ik hebben alles bedisseld!" zeide Judy, met een
-glimlach. "Marian is mijn vriendinnetje en zij doet alles wat ik haar
-zeg. En zij woont in Katoomba."
-
-"Nu?" zeide Meg nieuwsgierig, toen hare zuster zweeg.
-
-"Nu, zie je, heel veel meisjes op school hebben de mazelen, en dus
-moest Marian thuis komen, want hare familie was bang dat zij ze ook
-zou krijgen. En Marians moeder had mij gevraagd, een veertien dagen
-mede te komen, en dus had Miss Burton aan vader geschreven en gevraagd
-of ik mocht. En toen heb ik een brief geschreven en gevraagd, of ik
-die veertien dagen niet liever thuis mocht komen."
-
-"Daar heeft hij nooit iets van gezegd!" zeide Meg zacht.
-
-"Neen, dat kan ik wel begrijpen. Nu, hij heeft terug geschreven
-en antwoordde mij "neen" en haar "ja." En dus brachten zij ons op
-een goeden dag naar den trein, en in Katoomba zouden wij afgehaald
-worden. En toen wij onderweg waren, kwam ik plotseling op de gedachte:
-"Waarom zou ik niet op mijn eigen houtje naar huis gaan?" Dus zeide ik
-Marian, dat zij thuis moest vertellen, dat ik naar huis was gegaan,
-en dat zij haar verhaal zoo moest inrichten, dat niemand er aan zou
-denken, hierover aan Miss Burton te schrijven. En toen hield de trein
-in Blackheath op, en ik sprong er uit, en zij ging naar Katoomba, en ik
-kwam naar huis. Dat is de geheele geschiedenis. En dus, jelui begrijpt,
-daar ik mijn geld verloren had, bleef mij niets over dan te loopen."
-
-Meg streek over het stoffige, verwarde haar van haar zusje.
-
-"Maar je kunt hier niet eene week lang logeeren!" zeide zij
-bezorgd. "Door het slapen in de open lucht heb je je eene ernstige
-verkoudheid op den hals gehaald, en ik ben er van overtuigd, dat je
-ziek bent. Wij zullen alles aan vader moeten zeggen. En ik zal hem
-verzoeken, je niet terug te zenden."
-
-Judy vloog op, hare oogen fonkelden.
-
-"Als je dat doet," zeide zij, "als je dat doet, dan loop ik van avond
-nog weg naar Melbourne, of naar Jeruzalem, en dan kom ik nooit, nooit
-weer terug! Hoe kom je daar aan, Meg? Nadat ik dit alles gedaan heb,
-alleen maar opdat hij er niets van zou weten! O, hoe kom je er aan?"
-
-Zij wond zich tot een hevigen toestand van overspanning op.
-
-"Je begrijpt immers wel, Meg, dat ik eenvoudig morgen weer naar
-school zou worden gestuurd. Is dat niet zoo, Pip? En op school zou
-mij op den koop toe nog heel wat te wachten staan. Mijn plan is zoo
-eenvoudig mogelijk. Ik heb hier eerst een week lang pret met jelui,
-en dan ga ik weer terug naar school--jelui kunt mij allen geld leenen
-voor den trein. Den 25sten ontmoet ik Marian in Katoomba; we zullen
-samen terugkeeren en niemand zal ooit iets te weten komen. Die hoest
-beduidt niets; vroeger heb ik ook altijd gehoest, en het heeft mij
-nooit kwaad gedaan. Zoolang jelui mij genoeg eten brengt, en bij mij
-komt, is alles in orde."
-
-De rust en het voedsel en het zien der welbekende gezichten hadden
-haar reeds goed gedaan, haar gelaat was minder spits, en een zacht
-rose tintte langzaam hare wangen.
-
-Meg had een beklemmend gevoel van verantwoordelijkheid, en zij achtte
-zich verplicht, ten minste aan iemand het gebeurde te vertellen;
-maar de anderen overreedden haar.
-
-"Zoo laag zou je toch niet kunnen zijn, Meg!" had Judy met overtuiging
-gezegd, toen zij gesmeekt had Esther alles te mogen vertellen.
-
-"Zulk een flapuit!" had Bunby er toe gevoegd.
-
-"Zulk een verachtelijk schepsel!" had Pip uitgeroepen.
-
-En dus zweeg Meg, maar was buitengewoon ongelukkig.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XII.
-
-ZWIEP, ZWIEP!
-
-
-Op den vierden dag van Judy's verblijf op den zolder, deelde Martha
-Tomlinson haar kameraad en lijdensgenoot, Bridget, mede, dat zij
-geloofde, dat de kinderen samen zwoeren om haar naar "den overkant"
-te krijgen.
-
-Bridget had dien nacht niet buitengewoon goed geslapen, en dus gaf zij
-als antwoord de opmerking ten beste, dat zij veronderstelde, dat de
-lieve jeugd haar daar wenschte te zien, waar zij ook behoorde te zijn.
-
-Ik moet u misschien vertellen, dat "aan den overkant" hetzelfde
-beduidde als Gladesville, en dat dit het Meer-en-Berg van Sydney is.
-
-Verscheidene oorzaken hadden de ongelukkige Martha er toe gebracht,
-aan zulk eene samenzwering te gelooven. Bij voorbeeld, toen zij
-eens op een morgen Pips bed wilde gaan opmaken was de helft van het
-beddegoed verdwenen. De witte sprei was netjes over de matras gelegd,
-maar er was niets te bekennen van dekens, lakens of kussens. Zij zocht
-op alle mogelijke en onmogelijke plaatsen, ondervraagde de kinderen,
-wendde zich zelfs tot Esther, maar de vermiste voorwerpen werden
-niet gevonden.
-
-"Een man met een broek van geribd fluweel zwerft hier iederen avond
-om het huis!" zeide Pip, terwijl hij weemoedig naar zijn ontredderd
-bed keek. "Het zou mij niet verwonderen, als die daar iets mede te
-maken had."
-
-Welke veronderstelling alles behalve aangenaam voor Martha was,
-aangezien de man met de broek van geribd fluweel haar vurigste en
-uitverkoren aanbidder was.
-
-Den volgenden dag verdween de waschkom uit Megs slaapkamer, en
-daarop een stoel uit de kinderkamer, evenals een vloerkleedje,
-om niet te spreken van zulke kleine voorwerpen als een trekpot,
-een spirituslampje, kopjes en schotels, een halve ham, en een volle
-trommel met gembernootjes.
-
-Dit alles verdroot Martha, want de voorwerpen schenen te verdwijnen,
-terwijl de kinderen in bed waren; en hoewel zij hen verdacht, en
-hen voortdurend gade sloeg, kon zij geen duidelijk bewijs van hunne
-schuld machtig worden, en evenmin de drijfveer ontdekken, die er hen
-toe zou kunnen brengen, het een en ander weg te nemen.
-
-En telkens als er weer iets kwijt was, vraagde Pip of de in geribd
-fluweel gekleede jongeling den vorigen avond in den omtrek van het
-huis gezien was. En daar dit altijd het geval was, kon Martha niets
-anders doen, dan met een toornigen blik op haar plaaggeest, de kamer
-uitstuiven.
-
-Op zekeren avond was de kleine schaaktafel uit de kinderkamer door
-eene geheimzinnige macht weggetooverd.
-
-Den volgenden morgen, toen Martha aan het vegen was, kwam Pip naar
-haar toe, en deed, alsof hij in tranen zwom.
-
-""Hoe lieflijk is het nederig viooltje!"" zeide hij met gebroken
-stem. "Ach, Martha, Martha! nu eerst, nu je dagen bij ons geteld zijn,
-zien wij in, welk een schat wij in je bezitten!"
-
-"Ach, ga heen!" zeide zij, en sloeg naar hem met den steel van den
-stoffer. "Ik denk er niet aan, heen te gaan, hoor! Als ik er niet meer
-was, zouden jelui heelemaal uit den band springen. Neen, je bent nog
-niet zoo gauw van Martha Tomlinson af!"
-
-"Maar moet je dan niet naar hem toe gaan, Martha?" zeide hij
-vriendelijk. "De inrichting van zijn huis moet nu wel nagenoeg compleet
-zijn. Hij heeft wel is waar nog geen sauspan en geen strijkijzers, maar
-overigens dan ook alles, Martha; en ik wil je nu ook wel vertellen,
-dat ik van plan ben, je als huwelijksgeschenk een strijkijzer cadeau
-te doen, dus behoef je niet te wachten, tot hij het is komen halen."
-
-"Ga de kamer uit!" zeide Martha nog eens, terwijl zij den veger in
-zijn gezicht duwde, en hem bijna in het stof deed stikken. "Je weet
-van dwaasheid niet wat je zegt!"
-
-Op den zolder in het gebouwtje ging alles naar wensch.
-
-Eenige oude, tegen den muur opgehangen karpetten hielden den
-tocht tegen. Judy's bed, zacht en warm, bevond zich in een hoek;
-zij had een stoel om op te zitten, eene tafel om aan te eten,
-zelfs eene waschkom. En zij had den geheelen dag gezelschap, ook
-dikwijls den geheelen nacht. Eens was Meg weggeslopen, nadat zij de
-deur harer slaapkamer afgesloten had, en had ook op het bed op den
-zolder geslapen; eens was Nellie gegaan, en een anderen avond had
-Pip een paar wollen dekens genomen en had hij zich zelf een leger
-in het stroo gemaakt. Zij bezochten haar op alle uren van den dag,
-en kropen de een na den ander, de krakende ladder op, wanneer zij
-maar onopgemerkt konden wegkomen.
-
-De gouvernante had toevallig veertien dagen vrij gekregen, om hare
-zieke moeder op te passen, en dus konden de meisjes en Bunby over
-al hun tijd beschikken. Pip ging laat naar school, en kwam vroeg
-naar huis, en zocht van Esther briefjes voor den directeur af te
-bedelen. Zelfs bleef hij eens stilletjes weg, en droeg de straf,
-die hem daarvoor later werd opgelegd, met kalme gelatenheid.
-
-Judy zag er nog altijd bleek en vermoeid uit, en haar hoest was
-werkelijk onrustbarend; maar zij kreeg weldra hare oude, levendige
-opgewektheid weer, en genoot onuitsprekelijk van haar avontuur.
-
-Het eenige onaangename was de zeer beperkte ruimte van den zolder.
-
-"Jelui moet het zoo inrichten, dat ik eene wandeling kan gaan maken,"
-zeide zij op een morgen zeer beslist. "Ik ben er van overtuigd, dat
-mijne beenen langzamerhand korter beginnen te worden, nu ik ze niet
-meer kan gebruiken. Tegen het eind van de week zal ik vergeten zijn,
-wat wandelen is."
-
-Pip dacht niet, dat haar wensch vervuld kon worden; Meg smeekte haar,
-zich niet bloot te stellen; maar Bunby en Nell waren vol geestdrift
-voor het plan.
-
-"Meg zou met vader kunnen gaan praten," zeide Bunby, "en Pip zou
-den Generaal kunnen plagen, tot Esther niet meer uit de kamer zou
-durven gaan, en dan konden ik en Judy gauw naar beneden klimmen en
-een wandelingetje maken, en we zouden weer terug zijn, vóór iemand
-iets gemerkt had."
-
-Judy schudde het hoofd.
-
-"Daar zou ik al zeer weinig aan hebben," zeide zij. "Als ik ga,
-wil ik ook een tijdje in de vrije lucht blijven. Zouden we niet een
-picnic aan den waterkant kunnen houden?"
-
-"He ja, laten we dat doen!" riep Bunby, met stralende oogen.
-
-"Ik geloof heusch, dat we het wel konden wagen, vooral daar het toch
-ook Zaterdag is, en Pip niet naar school hoeft," vervolgde Judy, en in
-hare gedachten spon zij het geheele plan uit. "Twee van jelui zouden
-voor eten kunnen zorgen. Zegt Martha, dat jelui een picnic willen
-houden,--zij zal blij genoeg zijn, dat zij niet voor het middageten
-behoeft te dekken--en dan gaan jelui vooruit. Twee anderen kunnen op
-wacht staan, om te zien, of er geen vijand te bekennen is, terwijl
-ik naar beneden kom en door de grasvelden loop, en als we maar eens
-om den hoek van den weg zijn, zijn we gered!"
-
-Dit scheen alles zeer uitvoerbaar, en in zeer korten tijd waren alle
-toebereidselen gemaakt. Pip stond op wacht bij het gebouwtje, en had
-op zich genomen, Judy's uittocht te bewaken, Bunby was bij de veranda
-achter het huis op post gezet, om uit te kijken en driemaal te fluiten,
-als er eenig gevaar was.
-
-Hij zou een kwartier, gerekend naar de keukenklok, wachten, en dan,
-indien alles veilig was, den grooten theeketel en een brood medenemen,
-en de anderen op den weg opvangen. Het was eene saaie bezigheid,
-om daar te staan wachten, en, als een peinzende ooievaar, stond hij
-op één been, en hield zich bezig met de gebeurtenissen der laatste,
-veel bewogen dagen nog eens te overdenken.
-
-Een gedrukte stemming had zich van hem meester gemaakt, maar hoe dit
-kwam, kon hij moeielijk zeggen. Misschien bezwaarde hem de leugen, die
-hij aan zijn vader verteld had, en waarover hij niet weer gesproken
-had, omdat het paard leelijk hinkte, en hem de moed in de schoenen
-zonk, elken keer dat hij aan de rijzweep van zijn vader dacht.
-
-Misschien was het de reactie na de groote opwinding. Of het kon
-een knagend gevoel van verongelijking zijn, omdat zijne dappere
-daden ten bate van Judy bij de anderen zoo weinig bewondering
-hadden ingeoogst. Zij schenen ze hem volstrekt niet aan te rekenen,
-en lachten zelfs elken keer, dat hij er eene toespeling op maakte,
-of de algemeene aandacht op zijne schrammen zocht te vestigen. Twee
-of drie krabben op zijne beenen waren werkelijk leelijk genoeg,
-en terwijl hij stond te wachten stroopte hij zijne kousen omlaag en
-keek met medelijdende blikken en iets als een snik naar zijne wonden.
-
-"Niemand bekreunt zich om mij!"--pruttelde hij, en eene traan--hij kon
-ze altijd zoo gemakkelijk schreien--plaste neer op zijn uitgestrekt,
-ontbloot been. "Judy houdt het meest van Pip, en hij is toch nooit op
-den cactus geklommen; Meg denkt, dat ik altijd jok, en Nellie zegt,
-dat ik te vies ben om met eene tang aan te raken--niemand bekreunt
-zich om mij!"
-
-Nog eene groote, dikke traan welde omhoog en viel toen neer.
-
-"Heb je daar wortel geschoten?" vraagde eene stem.
-
-Zijn vader, die in de opengeslagen veranda-deur stond te rooken,
-had hem gade geslagen, en zich over zijne ongewone, groote kalmte
-verwonderd.
-
-Bunby schrikte op, en trok zijne kousen omhoog.
-
-"Ik doe niets geen kwaad!" zeide hij treurig, na een poosje. "Niets
-geen kwaad! Ik ga naar een picnic!"
-
-"Zoo!" zeide de kapitein. "Je zaagt er uit, alsof je over het een of
-andere nieuwe kattekwaad nadacht, of berouw had over een ondeugenden
-streek--nu, wat is het geval?"
-
-Bunby werd bleek, maar herhaalde, dat hij "niets geen kwaad deed."
-
-De kapitein was in eene loome, plaagachtige stemming, en zijn dik
-zoontje scheen hem eene welkome gelegenheid aan te bieden, om hiervan
-blijk te geven.
-
-"Het zou wel goed zijn, als je eens hier kwaamt, en al het kwaad, dat
-je deze week uitgevoerd hebt, opbiechtet!" zeide hij ernstig. "Ik ben
-den geheelen morgen vrij, en het wordt tijd, dat ik je eens ernstig
-onder handen neem!"
-
-Bunby naderde de leuning van den hem aangewezen stoel, en werd witter
-dan ooit.
-
-"Zoo, nu kunnen we op ons gemak praten. Dus, Dinsdag heb je uit de
-provisiekamer gestolen--dat is één misdaad," zeide hij om hem op weg
-te helpen. "Ga voort."
-
-"Ik heb niets anders uitgevoerd!" stotterde Bunby. Hij voelde, dat
-het met hem gedaan was, en dat de geschiedenis van den cricketbal
-ontdekt zou worden. Hij keek zelfs zenuwachtig rond, of de rijzweep
-nergens te zien was. Ja, daar lag die van Esther met den zilveren
-knop, achteloos op een stoel neergeworpen. Hij vond nog den tijd om
-vurig te wenschen, dat Esther wat netter mocht zijn.
-
-"Werkelijk niets, Bunby? op je woord?" zeide zijn vader op
-indrukwekkenden toon.
-
-"Ik w-was aan het knikkeren!" zeide hij met bevende stem. "Hoe zou
-ik dus het paard hebben kunnen kwaad doen?"
-
-"Het paard? Ha!"--riep zijn vader. Er ging hem een licht op, en zijn
-gelaat werd zeer ernstig. "Wat heb je naar Mazeppa gegooid, waardoor
-hij kreupel geworden is? Antwoord mij onmiddellijk!"
-
-Bunby wierp een schuwen blik naar de zweep.
-
-"N-n-niets,"--zeide hij--"h-heusch niets! Mijn c-c-cricketbal lag in
-den stal. Ik was aan het knikkeren!"
-
-De kapitein schudde hem even aan den arm.
-
-"Heb je Mazeppa met den cricketbal gegooid?" zeide hij streng.
-
-"N-n-neen, n-neen!"--fluisterde Bunby, wit tot in zijne lippen. Toen
-overweldigde hem ten deele zijn berouw en hij voegde er bij: "Hij
-rolde uit mijn z-z-zak, en M-Mazeppa kwam juist voorbij en st-stootte
-er tegen met zijn poot."
-
-"Zeg de waarheid of het zal je slecht gaan!"--zeide de kapitein,
-opstaande, en Esther's rijzweep in de hand nemende.--"En dus--heb
-jij Mazeppa kreupel gemaakt?"
-
-"Ja!" zeide Bunby, en hij barstte in tranen uit, en wrong zich in
-allerlei bochten, om aan de zweep te ontkomen.
-
-Daarop, toen de slagen op zijne rampzalige schouders nederdaalden,
-vervulde hij de lucht met zijn gewonen kreet van: "Ik heb het niet
-gedaan, het was mijn schuld niet!"
-
-"Jij verachtelijke schavuit!"--zeide zijn vader, toen hij een oogenblik
-moest pauzeeren, daar zijn arm pijn deed van het slaan. "Ik zal dien
-lagen geest van leugenachtigheid en lafheid uit je ranselen, en als
-je niet verandert, zie ik je liever dood voor mij liggen!" Zwiep,
-zwiep. "Wat moet er van je groeien?" Zwiep, zwiep. "Liegen omdat je
-bang bent voor slaag!" Zwiep, zwiep, zwiep, zwiep.
-
-"U slaat me dood, u slaat me dood! Ik voel, dat u me dood slaat!" gilde
-het kind, en wentelde zich over den grond. "Ik heb het niet gedaan,
-het was mijn schuld niet. Sla de anderen liever!"
-
-Zwiep, zwiep, zwiep. "Denk je, dat de anderen zoo onbeschaamd
-zouden liegen? Philip heeft nooit gelogen. Judy zou liever hare tong
-afbijten." Zwiep, zwiep, zwiep. "Je gaat naar een picnic? Je kunt
-op je kamer picnic houden tot morgen ochtend vroeg." Zwiep, zwiep,
-zwiep. "Nu--maak dat je wegkomt!"
-
-Meer had geen menschelijk wezen kunnen verdragen.
-
-De laatste slag was eene ware marteling geweest voor zijne trillende
-schouders en zijn gepijnigden rug. Hij dacht aan de anderen, die,
-gelukkig en zonder zorg, daar buiten in den helderen zonneschijn op
-weg waren naar de rivier, zonder het minste vermoeden van wat hij
-doorstaan moest, en zijn hart scheen door de hevigheid van zijne
-verbittering en zijne wanhoop te zullen moeten barsten. "Judy is
-thuis!" zeide hij hijgend en hartstochtelijk. "Zij is in het oude
-gebouwtje. Boe-hoe-hoe! Ze houden het geheim voor u! Boe-hoe! Zij
-gaat naar den picnic, en zij is van school weggeloopen."
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XIII.
-
-ONGENOODE GASTEN.
-
-
-De kapitein liep langzaam door de grasvelden met zijn tuinhoed
-achterover. Na het tooneel met zijn tweeden zoon was hij min of
-meer vermoeid, en zijne oogen keken peinzend rond. Hij geloofde niet
-aan de waarheid van Bunby's laatste mededeeling, maar toch vond hij
-haar niet volstrekt onwaarschijnlijk, en daarom had hij een bezoek
-aan het gebouwtje niet juist overbodig geoordeeld. Niet dat hij,
-hoe dan ook, geloofde, zijne verbannen dochter daar te vinden, want
-Bunby had immers gezegd, dat zij een picnic aan den waterkant wilden
-houden? Maar hij dacht, dat hij misschien toch wel de eene of andere
-aanduiding ontdekken zou. De deur van het gebouwtje sloeg open, en
-het zonlicht stroomde naar binnen en bracht dwars door de ruimte een
-balk van gouden stof aan.
-
-Er was hier geen teeken van de aanwezigheid van bewoners, behalve
-wanneer een haarlint van Meg en eenige sinaasappelschillen als zoodanig
-beschouwd konden worden.
-
-Hij zag de wrakke, eigengemaakte ladder, die tegen de opening in
-de zoldering geleund stond, en hoewel hij over het algemeen meer
-eerbied voor zijne ledematen had, dan zijne kinderen voor de hunne,
-waagde hij er zich op. Zij kraakte geweldig, toen hij de bovenste
-sport bereikt had en van deze op den zolder stapte.
-
-Het been van een ham, eene doos met dominosteenen en een gebarsten
-kussen lagen aan deze zijde van het schot, anders niets, dus ging
-hij verder en keek over de schutting op den anderen zolder.
-
-"Gezellig genoeg ingericht," mompelde hij. "Het zou mij niet kunnen
-schelen zelf hier een tijdje te kampeeren," en het kwam zelfs bij
-hem op dit te doen, en voor Judy "eene verrassing" te zijn, als
-zij terugkwam. Maar hij verwierp dit plan als niet overeenstemmend
-met zijne waardigheid. Hij herinnerde zich, dat hij in zijn huis
-geruchten had gehoord van verdwenen huisraad en er kwam iets als een
-glimlach om zijn mond, toen hij het oude tafeltje met de spirituslamp
-en den trekpot er op, het beddegoed en de waschkom zag. Maar met
-een strengen blik fronsde hij weldra het voorhoofd. Waren zeven en
-zeventig mijlen geene voldoende hinderpaal voor Judy's ondeugende
-plannen? Hoe durfde zij hem zoo tarten, zij een kind van dertien
-jaar tegenover haar vader? Hij sloot de lippen onheilspellend vast,
-ging weer naar beneden, en liep met zwaren tred naar huis terug.
-
-"Esther!" riep hij met eene trillende stem onder aan de trap.
-
-En: "Ik kom, beste man--één minuutje!" klonk het ten antwoord.
-
-Een minuutje scheen ditmaal tien minuten te kunnen duren, en toen
-kwam zij, de mooie jonge moeder, met haar lachend dik zoontje in hare
-armen. Hare oogen keken zoo teeder en zacht, er lag zooveel liefde
-in haar blik, dat hij zich ongeduldig afwendde; hij wist zeer goed
-hoe het zijn zou; zij zou hem bedelen en smeeken, zijn dochtertje
-te vergeven, als zij alles gehoord had, en wanneer zij er dan weer
-stralend en liefelijk uitzag, als op dit oogenblik, zou hij haar
-niets kunnen weigeren.
-
-Een paar minuten stond hij in gepeins verzonken.
-
-"Wat wilde je, John?" zeide zij. "En waar sta je aan te denken? Ik
-heb juist een nieuw kiesje gevonden, kom eens kijken!"
-
-Hij kwam, half onwillig, en voelde met zijn pink in het mondje van
-zijn jongste zoontje.
-
-Esther hield zijne hand vast, tot hij een zeer klein hard voorwerp
-voelde. "Het derde," zeide zij trots, "vindt je het niet aardig?"
-
-"Hum!" zeide hij. Toen bleef hij nog een oogenblik peinzen, en wreef
-zich na eene minuut of twee in de handen, alsof hij zeer over zich
-zelf tevreden was.
-
-"Zet je hoed op, Esther, en kleed den Generaal ook aan," zeide hij,
-terwijl hij vriendelijk een tikje gaf op het hoofd van dezen jongen
-heer. "Laten we eene wandeling gaan maken naar de rivier; de kinderen
-wilden ook aan den waterkant een picnic houden, en dus kunnen wij er
-op rekenen, onderweg thee te krijgen."
-
-"Dat is een heerlijk idee!" zeide zij, "vindt je ook niet, Bababsie,
-vindt je ook niet, mijn kind?"
-
-Zij riep Martha, die bezig was het salon te vegen, op de grondige
-manier, die haar bijzonder eigen was, toe: "Wil je even den hoed van
-den Generaal halen, Martha, den witten zonnehoed met de keelbanden;
-hij ligt op mijn bed, denk ik, of op een stoel, of ergens anders--o! en
-breng dan meteen mijn grooten hoed met de papavers mede!"
-
-Martha ging, en kwam na eenig zoeken met de gevraagde kleedingstukken
-terug.
-
-En Esther zette den witten zonnehoed op haar eigen krullend, springend
-haar en deed den Generaal kraaien van het lachen op zijne zitplaats,
-op de tafel der vestibule. En toen drukte zij hem op het hoofd van
-den kapitein, en zette diens tuinhoed op het kopje van haar zoon en
-verscheidene minuten gingen zoo al vroolijk stoeiend voorbij.
-
-Eindelijk waren zij gereed, en verlieten de vestibule.
-
-"Jongeheer Bunby zit in zijne kamer opgesloten; je moogt er hem
-op geene voorwaarde uitlaten, Martha!" zeide de kapitein onder het
-heengaan.
-
-"O, Jack!" riep Esther verwijtend uit.
-
-"Laat het zijn zooals ik gezegd heb," sprak hij; "gun mij een weinig
-vrijheid met mijne eigen kinderen, Esther! Hij is een leugenachtige
-deugniet; ik schaam mij, dat ik hem mijn zoon moet noemen."
-
-En Esther, aan de wankelmoedigheid van haar stiefzoon denkende, vond
-geen bezwaar zich met de hoop te troosten, dat de straf heilzaam voor
-hem zou zijn.
-
-Zij liepen over een pad door het woud, dat den weg zeer verkortte,
-en toen lag daar de blauwe, vriendelijke rivier voor hen, waarin de
-zon flikkerende vlammetjes strooide.
-
-"Daar zitten zij," riep Esther, "op de oude plaats! Zie je het
-vuur, mijn ventje? zie je den rook, mijn lieveling? Zij zijn met
-hun vieren--neen, met hun vijven! Wie is er dan bij?"--zeide zij
-verwonderd, toen zij dichter bij de groep op het gras kwamen.
-
-Voor zij genoegzaam genaderd waren om de gezichten te herkennen,
-scheen de kring plotseling verbroken te worden.
-
-Een van de leden keerde zich opeens af en vluchtte weg over het gras,
-stortte zich in het dichte kreupelhout en verdween uit het gezicht
-in minder tijd dan noodig is, om dit te vertellen.
-
-"Wie was er bij jelui?" vraagde Esther, toen zij de kinderen bereikten.
-
-Een oogenblik bleef alles stil, toen wierp Pip een paar takjes op
-het vuur en antwoordde droog:
-
-"Eene vriendin van Meg, een meisje met een hazenhart, die een
-doodelijken angst heeft voor vader. Ik geloof, dat zij denkt, dat
-militairen met scherp geslepen wapenen rondwandelen, en niets liever
-doen, dan er op inhouwen!"
-
-Hij lachte even, Nell gichelde zenuwachtig, en Baby begon te schreien.
-
-Meg, bleek als eene doode, nam haar op en begon, om haar te bedaren,
-haastig de geschiedenis van de drie beren te vertellen.
-
-Esther keek min of meer verbaasd, maar dacht er natuurlijk niet aan,
-eenig verband te zoeken tusschen de vluchtende gestalte en Judy.
-
-En de kapitein scheen niets te zien of te merken. Hij lag op het
-gras en liet den Generaal over zich heen klimmen; hij schertste met
-Esther; hij vertelde verscheiden verhalen uit zijne jeugd, en scheen
-zich geen oogenblik bewust te zijn, dat zijn gehoor onoplettend en
-afgetrokken was.
-
-"Hebben jelui geen thee gezet?" zeide Esther eindelijk. "Wij rekenden
-er op, hier thee te kunnen drinken."
-
-"Bunby is niet verschenen, en die zou de thee meebrengen!" zeide Pip
-gemelijk. De buitengewone beminnelijkheid van zijn vader kwam hem
-verdacht voor, en hij wilde zich niet voor den gek laten houden.
-
-"Ach," zeide de kapitein ernstig, "dat treft slecht. Toen wij van huis
-gingen, scheen Bunby niet al te wel te zijn, en er over te denken,
-de rest van den dag in zijne slaapkamer door te brengen."
-
-Pip stookte met kracht het vuur op, en Meg wierp een verschrikten
-blik naar haar vader, die haar vriendelijk glimlachend aankeek.
-
-Na een uur lang dezen gedwongen toestand gerekt te hebben, stelde de
-kapitein voor, naar huis terug te keeren.
-
-"Het begint koel te worden," zeide hij, "het zou me spijten voor het
-nieuwe kiesje van onzen Generaal, als het zijn leven moest beginnen
-met pijn te doen--laten we naar huis gaan, en daar zien, dat we
-thee krijgen."
-
-Dus namen zij de onaangeroerde manden in de hand, en de stoet zette
-zich in beweging.
-
-De kapitein wenschte, dat Pip en Meg met hem zouden loopen, en hij
-zond Baby en Nell voor zich uit, ieder aan een kant van Esther,
-die den Generaal afwisselend bij de hand had en droeg.
-
-Dit richt hij zoo in, dacht de sluwe Pip, om te verhoeden, dat wij
-nieuwe plannen smeden. En toen zij thuis waren gekomen, noodigde hij
-hen allen uit in zijne rookkamer te komen, een cabinetje naast de
-eetkamer gelegen.
-
-Esther ging met den Generaal naar boven, maar de anderen volgden
-zwijgend hun vader.
-
-"Ga zitten, Pip, mijn jongen," zeide hij opgewekt. "Kom, Meg, maak
-het je gemakkelijk, neem plaats in dien leunstoel. Nell en Baby kunnen
-zich op de sofa zetten."
-
-Gedwongen gingen zij op de plaatsen zitten, die hij hun aanwees,
-en keken angstig naar zijn gelaat.
-
-Hij koos eene pijp van het rek boven den schoorsteenmantel, voorzag
-haar van een nieuw mondstuk, en vulde haar met zorg.
-
-"Daar jelui je nu in het bezit hebt gesteld van mijne kamer," zeide
-hij op hoogst aangenamen toon, "zal ik beter doen, met hier niet te
-rooken. Straks kom ik terug en dan zullen wij wat praten. Ik zal eerst
-maar eens eene pijp gaan rooken op den zolder van het gebouwtje. Voert
-geen kattekwaad uit, terwijl ik weg ben!"
-
-Hij stak een lucifer aan, hield dezen bij de tabak, en, zonder een blik
-op de zwijgende kinderen geworpen te hebben, verliet hij de kamer,
-en deed de deur achter zich op slot. Voor de tweede maal liep hij
-door de grasvelden, en voor de tweede maal stootte hij de krakende
-deur open. De sinaasappelschil lag op dezelfde plaats, waar hij haar
-eerst gezien had, alleen was zij wat drooger en verschrompelder. Het
-haarlint zat in juist denzelfden strik. De ladder kraakte op precies
-dezelfde plaats, en het scheelde weer niet veel, of hij was, toen hij
-de bovenste sport bereikte, er af gevallen. De dominosteenen lagen daar
-nog altijd, het been van de ham en het kussen namen dezelfde plaatsen
-in; het eenige verschil was, dat over het eerste nu een groot aantal
-zwarte mieren kropen, en dat de wind met het kussen gespeeld had,
-en de veeren naar alle kanten had doen stuiven.
-
-Hij liep naar de andere zijde, niet zachtjes, maar met zijn gewonen,
-vasten, militairen stap. Er bewoog zich niets. Hij bereikte het
-beschot en keek er over heen.
-
-Judy lag op het geïmproviseerde bed, in een diepen slaap verzonken,
-uitgeput na hare snelle vlucht van den oever der rivier. Zij had een
-rok van Meg aan, die haar buitengewoon lang en mager deed schijnen;
-met verbazing vraagde hij zich, of zij zóó gegroeid kon zijn?
-
-"Er zal geen einde aan de moeite en zorgen komen, die zij mij
-zal veroorzaken, als zij groot geworden is!" zeide hij, halfluid,
-met een gevoel van medelijden voor zich zelf omdat hij haar vader
-was. En toen werd hij vervuld met wrevel en toorn, terwijl hij haar
-daar bleef gade slaan, en zij zoo kalm voortsliep. Moest zij altijd
-de verstoordster zijner rust zijn? moest zij hem altijd dwarsboomen?
-
-"Judy!" zeide hij met luide stem.
-
-De gesloten oogleden sprongen open, de nevel van slaap en vergetelheid
-trok weg van de donkere oogen, en zij rees overeind, met doodelijk
-ontsteld gelaat.
-
-"Wat voer je hier uit, als ik vragen mag?" zeide hij, koud en hoog.
-
-Een donkerroode blos kleurde hare wangen, haar voorhoofd, en verdween
-toen weer, zoodat zelfs hare lippen wit werden, maar zij gaf geen
-antwoord.
-
-"Ik veronderstel, dat je van school bent weggeloopen," vervolgde hij,
-op denzelfden koelen toon. "Heb je iets tot je verontschuldiging
-te zeggen?"
-
-Judy sprak noch verroerde zich, zij staarde hem alleen aan met even
-geopenden mond.
-
-"Heb je iets tot je verontschuldiging te zeggen, Helen?" herhaalde hij.
-
-"Neen, vader," zeide zij.
-
-Haar gelaat toonde een moeden, pijnlijken trek, die hem anders zeker
-zou getroffen hebben, maar hij was thans te vertoornd, om dit op
-te merken.
-
-"Volstrekt geene verontschuldiging of geldige reden?"
-
-"Neen vader!"
-
-Hij ging terug naar het luik. "In anderhalf uur vertrekt een trein,
-je reist daarmede van hier," zeide hij, met bedaarde stem. "Ik
-zal maatregelen nemen om je op school te doen bewaken, nu ik zie,
-dat je niet te vertrouwen bent. Je komt met Kerstmis niet thuis,
-en waarschijnlijk ook niet met de zomervacantie!"
-
-Dit was even goed als een doodvonnis. De zolder draaide voor Judy's
-oogen in het rond, in hare ooren zong en gonsde het.
-
-"Kom!" zeide de kapitein. Judy snakte naar adem, zij hijgde en begon
-te hoesten.
-
-Zij hoestte vreeselijk, haar tenger lichaam beefde. Dit duurde zoo
-twee of drie minuten, hoewel zij den zakdoek voor den mond hield om
-te beproeven, het hoesten tegen te gaan.
-
-Zij was zeer bleek, toen zij tot bedaren kwam, en voor het eerst
-merkte hij op, hoe hol hare wangen waren.
-
-"Het is beter, dat je eerst mede naar huis komt," zeide hij minder
-hard, "dan kunnen wij zien of Esther niet iets voor den hoest heeft."
-
-En toen snakte hij op zijne beurt naar adem, en werd zijn gebronsd
-gelaat vaalbleek.
-
-Want roode, vreeselijke vlekken bezoedelden het wit van den doek,
-dien het kind van haar mond had genomen.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XIV.
-
-DE UITNOODIGING VAN DEN SQUATTER.
-
-
-En dus werd er geen dogcart voor Judy ingespannen, zij werd niet
-naar den trein gebracht, zij behoefde niet beschaamd onder haar
-schoolkameraadjes terug te keeren, zij had niet het vooruitzicht van
-lange maanden, die zonder vacantie voorbij zouden gaan.
-
-Maar, in de plaats daarvan, een warm, zacht bed, en versterkend
-voedsel, en vriendelijke woorden, en onafgebroken zorg. Want de
-avontuurlijke tocht, de gebrekkige voeding, en de twee nachten in de
-open lucht hadden het meisje inderdaad in een gevaarlijken toestand
-gebracht. De eene long was ernstig aangedaan, had de dokter gezegd;
-het was hem een raadsel, zeide hij tot hare huisgenooten, hoe zij
-het nog zoo lang uitgehouden had; een gewoon meisje zou reeds lang
-allen moed verloren, en zich te bed gelegd hebben. Maar hij zeide
-dit, omdat hij den onbuigzamen geest en de vaste energie niet kende,
-die Judy's voornaamste karaktertrekken waren.
-
-"Hadt je in het geheel geen pijn?" vraagde hij, verbaasd door het feit,
-zulk eene stemming en zulk een ernstigen toestand tegelijkertijd aan
-te treffen.
-
-"Jawel, soms in mijne zijde!"--antwoordde zij achteloos.--"Hoe lang
-zal het nog duren voor ik op kan staan, dokter?"
-
-Deze vraag stelde zij hem iederen morgen, hoewel, om de waarheid
-te zeggen, zij met waren angst dacht aan het oogenblik, waarop zij
-hersteld verklaard zou worden.
-
-Zij gevoelde eene loomheid en moeheid in hare beenen, die haar
-deed twijfelen, of zij ooit weer ver zou kunnen loopen, en een meer
-bescheiden teeken van beterschap versmaadde zij. Buitendien bespeurde
-zij eene knagende pijn onder de armen, en als zij hoestte, stond zij
-de hevigste benauwdheid uit.
-
-Toch was zij niet ziek genoeg om niet belang te stellen in alles, wat
-er om haar heen gebeurde, en verlangde, dat de anderen haar zouden
-vertellen, wat buitenshuis voorviel--wie het gelukkigst was geweest
-bij het cricketspel, welke bloemen ontloken waren in het weelderige
-hoekje van den tuin, dat haar toebehoorde, hoe vele eieren de kippen
-per dag legden, hoe het met het aantal der Guineesche biggetjes en
-der kanaries gesteld was, en welke schoenen of kleeren de nieuwe
-jonge hond vernield had.
-
-En Bunby bracht dikwijls zijne witte muizen en zijn blind marmotje
-in hare kamer en liet de diertjes los over haar deken loopen, en Pip
-zat meestal te timmeren aan een klein tafeltje dicht bij haar bed,
-zoodat zij ieder nieuw werk kon zien en de vorderingen kon gadeslaan.
-
-Meg, die haar omgang met Aldith bijna geheel verbroken had, wijdde
-zich met hart en ziel aan de verpleging van hare zuster; zij gaf
-haar allerlei kleine geschenken--een schoenentasch, met verschillende
-afdeelingen, een zakje voor kam en borstel, met het monogram J. W. in
-rose zijde daarop geborduurd, een klein werkmandje met naaldenboekje,
-speldenkussen en verder toebehooren. Judy vreesde, dat zij na haar
-herstel nu ook verplicht zou zijn netjes te worden.
-
-Het genoegen, dat haar de geschenkjes blijkbaar veroorzaakten, deed
-een geest van mededinging onder de anderen ontwaken.
-
-Eens was Pip een geheelen dag onzichtbaar; eerst in den avond
-vertoonde hij zich weer, en liep trots naar het bed. Hij had eene
-kleine chiffonière gemaakt, waarvan drie laden werkelijk, hoewel met
-groote omzichtigheid, geopend konden worden.
-
-"Dit is niet voor poppenkleeren,"--zeide hij, nadat zij alle
-gebruikelijke betuigingen van dankbaarheid uitgeput had,--"want ik
-weet, dat je daar niet van houdt, maar je kunt er je kleine prullen
-in bewaren--haarlintjes, naaigereedschap, er is plaats genoeg."
-
-Zij hoorden een geluid, alsof op de gang iets voortgesleept werd, en
-Bunby kwam de kamer binnen, achterwaarts loopende, en voortslepende een
-vreemd voorwerp, dat uit vijf of zes aaneengespijkerde planken bestond.
-
-"Dit is een stoel," verklaarde hij, en veegde de bewijzen van zijne
-inspanning van zijn voorhoofd. "Ik zal er natuurlijk de een of andere
-stof over spijkeren, zoodat je er niet door kunt vallen; maar ik dacht,
-dat ik hem je nu wel eerst eens kon laten zien."
-
-Er kwam een glimlach om Judy's lippen, maar zij dankte hem hartelijk.
-
-"Ik wilde niet iets maken, waaraan je toch niets hadt, zooals Pip
-gedaan heeft!" vervolgde het kleine ventje, en hij keek verachtelijk
-naar de chiffonière. "Dit is iets wat je gebruiken kunt; als je
-weer opstaat, dan kan je er bij den haard op zitten, Judy, en lezen
-of naaien of iets anders doen. Je vindt dit ook mooier dan Pip's
-cadeautje, is het niet zoo?"
-
-Judy wist behendig beide partijen te vriend te houden, door hen te
-vragen, de geschenken naast alle andere bij het hoofdeinde van haar
-bed te plaatsen.
-
-"Wat zal je veel mee te nemen hebben, als je weer naar school gaat,
-Judy!" zeide Nell, terwijl zij de verzameling met een paar gehaakte
-mofjes en een wollen poppenlijfje verrijkte.
-
-Maar Judy keek haar slechts verwijtend aan, en lag het overige gedeelte
-van den avond met haar hoofd naar den muur gekeerd.
-
-Dit was het, wat haar al de veertien dagen van hare ziekte met angst
-vervuld had--de gedachte aan de school in de toekomst.
-
-"Wat zal er met mij gebeuren, als ik weer beter ben, Esther?"--vraagde
-zij den volgenden morgen op gedrukten toon, toen hare stiefmoeder
-haar kwam bezoeken. "Spaart hij heel veel slaag voor mij op? En moet
-ik de eerste week weer terug?"
-
-Esther stelde haar gerust.
-
-"Deze drie maanden blijf je hier, en zeer waarschijnlijk de volgende
-drie maanden ook, Judy! Hij heeft gezegd, dat je met een paar der
-anderen naar buiten zult gaan, tot je weer geheel sterk geworden bent;
-en onder ons gezegd, geloof ik, dat je wel nooit weer de kostschool
-zult terug zien."
-
-Toen deze vrees dus verdwenen was, ging Judy's gezondheid steeds
-sneller vooruit, zoodat haar krachtig gestel zelfs den dokter
-verbaasde.
-
-Na drie weken liep zij weer door het huis, mager en met groote oogen,
-maar vol grappen en vol ondeugende plannen. De visites van den dokter
-werden gestaakt; hij zeide, dat tot nu toe alles naar wensch was
-gegaan, maar dat zij in eene andere omgeving moest komen en eenigen
-tijd geen zeelucht mocht inademen.
-
-"Laat haar een paar maanden vrij in de buitenlucht loopen,
-Woolcot!" zeide hij bij zijn laatste bezoek; "er is tijd toe noodig,
-om al het gebeurde te boven te komen, en haar hare kracht en gezondheid
-te doen herkrijgen."
-
-"Zeker, zeker; ik zal haar naar buiten sturen!" antwoordde de kapitein.
-
-Hij kon den schrik niet vergeten, die hem vijf of zes weken geleden
-op den ouden zolder bevangen had, en zou er in toegestemd hebben haar
-naar de Sahara te brengen, indien dit noodig geoordeeld was geworden.
-
-De dokter had hem mede gedeeld, dat hare longen zeer gevaarlijk
-aangedaan waren.
-
-"Het is niet gezegd, dat zij aan tering moet sterven," had hij
-gesproken, "maar er is altijd gevaar voor deze vreeselijke kwaal in
-dergelijke gevallen. En de kleine Judy is zulk een wild rusteloos
-schepseltje; alles wat zij doet, doet zij met hart en ziel, en zij
-schijnt vreugde en leed duizendmaal dieper te gevoelen, dan andere
-kalmere naturen. Zorg goed voor haar, Woolcot; zij zal eens eene
-uitstekende vrouw worden--ja, eene buitengewone vrouw."
-
-De kapitein rookte vier groote sigaren in de eenzaamheid van zijne
-studeerkamer, alvorens hij kon beslissen, hoe hij het best "goed voor
-haar kon zorgen".
-
-Eerst bedacht hij, haar met Meg en de gouvernante voor eenigen tijd
-naar de bergen te zenden, maar dan rees de moeielijkheid, dat de andere
-drie in dien tijd geen onderwijs zouden genieten. Hij zou hen naar
-school kunnen zenden of eene andere gouvernante nemen; zeker, maar dan
-waren er weer de onkosten, die in overweging moesten genomen worden.
-
-De meisjes alleen te laten gaan, daar kon geen sprake van zijn,
-want Meg had, niettegenstaande hare zestien jaren, getoond, niet veel
-meer dan een gansje te zijn; en op Judy moest toegezien worden. Toen
-dacht hij er aan, dat Esther er ook niet zeer goed uitzag; Judy's
-verpleging en de zorgen voor den Generaal bleken te veel voor haar
-te zijn geweest, en zij was lang niet meer de stralende, bloeiende
-Esther van vroeger. Hij wist, dat hij haar naar buiten moest laten
-gaan, en het kind eveneens, natuurlijk.
-
-En dan dacht hij weer aan de onkosten. En aan de andere kinderen.
-
-Hij herinnerde zich, dat de Kerstvacantie niet meer ver af was; wat zou
-er van het huis worden, indien Pip en Bunby en de twee jongste meisjes
-konden doen en laten wat zij wilden, en niemand het opzicht hield? Hij
-zuchtte diep, en klopte de asch van zijn vierden sigaar op het tapijt.
-
-Toen kwam de brievenbesteller over het pad en voorbij het venster. Hij
-keek glimlachend en raakte zijn pet aan met een vergenoegden blik. Het
-was alsof hij wist, dat hij in een der brieven de oplossing bracht
-van het raadsel, dat op het voorhoofd van den kapitein ontelbare
-rimpels te voorschijn riep.
-
-Een vijfde sigaar werd juist uit het kistje genomen, eene groeve
-vertoonde zich boven de linker wenkbrauw, een steek van iets dat
-zeer veel geleek op jicht gaf aanleiding tot een paar woorden "in
-eene vreemde taal," toen Esther binnenkwam met een glimlach om de
-lippen en een open brief in hare handen.
-
-"Van moeder!" zeide zij. "Het schijnt, dat Yarrahappini haar te stil
-begint te worden, en dus vraagt zij mij, of ik met den Generaal eenige
-weken, bij haar kan komen?"
-
-"Ha!" zeide hij.
-
-Dit zou zeker een der moeielijkheden doen verdwijnen. Wel was het
-landgoed zeer ver weg, maar, het was Esthers vroegere tehuis, en zij
-had het niet weergezien sedert haar huwelijk. Daar zou zij zeer snel
-weer sterk worden.
-
-"O, en Judy ook!"
-
-"Ha!" zeide hij.
-
-Twee rimpels verdwenen van zijn voorhoofd.
-
-"En Meg, omdat ik schreef, dat zij er bleek uitzag." De kapitein
-legde zijn sigaar weer in het kistje. Hij vergat dat er iets bestond,
-wat jicht heette.
-
-"De uitnoodiging kon nooit beter te pas zijn gekomen!" zeide hij. "Neem
-haar onvoorwaardelijk aan; niets kon beter geweest zijn; en het is
-een buitengewoon gezond klimaat. De andere kinderen kunnen--"
-
-"O, vader vooral wenscht, dat Pip ook zal komen, omdat hij zulk een
-flinke jongen is."
-
-"Op mijn woord, Esther, je ouders hebben harten vol ware
-menschenliefde. Is er nog iemand anders in de uitnoodiging begrepen?"
-
-"Alleen maar Nell en Bunby en Baby. O, en moeder zegt, dat wanneer je
-ooit lust mocht hebben, eenige dagen te komen jagen, je haar altijd
-hartelijk welkom zult zijn."
-
-"De gastvrijheid der squatters is wereldberoemd, maar dit overtreft
-alles, Esther!" De kapitein stond op, en rekte zich uit met het
-vergenoegde gelaat van een man, die zich verlost voelt van eene
-nachtmerrie. "Neem de uitnoodiging onvoorwaardelijk aan--voor
-allen. De gevolgen mogen zij zelf ondervinden; maar ik ben bang,
-dat men op Yarrahappini treurige ervaringen zal gemaakt hebben,
-eer de maand voorbij is!"
-
-Hoe treurig deze ervaringen zouden zijn, kon hij toen in de verste
-verte niet vermoeden.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XV.
-
-DRIEHONDERD MIJLEN IN DEN TREIN.
-
-
-Zij vulden eene geheele coupé--wel was er nog eene plaats open, maar
-men scheen niet begeerig die in te nemen, nadat men een haastigen
-blik naar binnen geworpen had.
-
-Daar zaten zij met hun achten, en alleen Esther was degene, die
-toezicht hield--Esther in eene rose blouse, en met een matrozenhoedje,
-met een gelaat zoo stralend en ondeugend als dat van Pip. De kapitein
-had hen naar het station gebracht, en Pat zorgde voor de bagage. Hij
-had de kaartjes genomen--twee gewone voor Esther en Meg, en vier voor
-half geld voor de vier anderen. Baby werd zelfs niet met een kaartje
-voor half geld voorzien, zeer tot hare eigen verontwaardiging--het
-was eene beleediging voor hare vier en een half jaar, om voor niets
-te kunnen reizen evenals de Generaal.
-
-Maar de kosten van deze stukjes bordpapier hadden den kapitein zeer
-ongelukkig doen kijken: hij kreeg niet meer dan achttien stuivers
-terug van de tien pond, die hij gegeven had; want Yarrahappini lag
-op de grenzen van het onbekende land.
-
-Hij gaf de achttien stuivers uit aan geïllustreerde tijdschriften,
-en uit de keuze van deze bleek wel, dat hij geen hoogen dunk had
-van den letterkundigen smaak zijner familie; hij voorzag bovendien
-Esther van een boekdeel in geel linnen gebonden, waarop eene dame
-in het groen was afgebeeld, die in de armen van een heer, welke in
-purper was uitgedost, flauw viel, en Meg met Mark Twain's "Springende
-Kikvorsch," omdat hij in den laatsten tijd eene zekeren zwaarmoedigen
-blik in hare oogen had opgemerkt.
-
-Toen werd de bel geluid, een gefluit deed zich hooren, conducteurs
-liepen in groote haast her- en derwaarts, en men nam afscheid,
-vroolijk of treurig, al naar de omstandigheden.
-
-Eene vrouw stond droevig te schreien op het perron, en een meisje
-met vriendelijke oogen, vol tranen, leunde uit het venster van een
-tweede-klasse coupé en sprak haar toe; daar was een squatter met
-gebruind gelaat, die een pet van stof ophad, en eveneens stoffen
-schoenen, en voor wie de driehonderd mijlen lange reis eene weinig
-belangrijker gebeurtenis was, dan een maaltijd; en daar was de
-jonge man, die voor zijne zaken op reis moest, en wien eene reis
-naar Engeland weinig korter voorkwam, nu hij voor een geheel jaar
-van zijne vrouw en zijn kind afscheid nam; en waggons, waarin dames
-zaten, die weer naar de wildernis terugkeerden na hun jaarlijksch of
-halfjaarlijksch bezoek aan de Sydneysche beschaafde wereld; en daar
-waren de acht reizigers, die ons in het bijzonder interesseeren, en
-die zich voor het portier en de vensters verdrongen, om den kapitein
-nog eens toe te knikken, en vaarwel te zeggen.
-
-Hij zag er volstrekt niet neerslachtig uit, toen de trein met veel
-rumoer wegstoomde--met zwierigen stap wandelde hij het perron af, alsof
-het vooruitzicht twee maanden als jonggezel te moeten doorbrengen,
-ook wel zijne lichtzijde had.
-
-Te half zeven in den namiddag vertrokken zij, en zij zouden in
-Curlewis, het station, dat het dichtst bij Yarrahappini gelegen
-was, ongeveer te vijf uur in den volgenden morgen aankomen. Nu het
-gezelschap zoo talrijk was, kon er geene sprake van zijn, billetten
-voor den slaapwaggon te nemen, maar in het koffernet lagen verscheidene
-reisdekens, en twee of drie windkussens, bestemd voor hen, die zich
-vermoeid mochten gaan gevoelen. Het denkbeeld, zoovele uren in den
-trein door te brengen, was al de kinderen heerlijk voorgekomen; geen
-enkele van hen behalve Judy had ooit verder dan veertig of vijftig
-mijl ver gereisd, en het scheen hun buitengewoon verrukkelijk toe,
-steeds voort te stoomen, als het donker, zou geworden zijn even goed
-als bij daglicht.
-
-Maar lang voor het tien uur in den avond was verloren hunne
-droomen allen glans en alle bekoorlijkheid. Nell en Baby hadden eene
-woordenwisseling gehad over het opblazen der windkussens, en waren te
-moede en te kribbig, om weer vrede te sluiten; Pip had Bunby wegens de
-eene of andere duistere reden een tik gegeven, en kreeg twee schoppen
-terug; Judy had hoofdpijn, en het geraas was juist niet geschikt,
-om die te doen verdwijnen; Meg was moe geworden van het staren naar
-het duistere landschap, door hetwelk zij heengleden, en dacht er aan,
-of Alan zou merken, dat zij nu niet meer op de stoomboot verscheen; en
-de arme kleine Generaal vervulde de warme lucht met luide klaagtonen
-over de raadselachtige behandeling, die hij onderging, en die hij
-zich moest laten welgevallen.
-
-Esther had hem zijne bovenkleertjes uitgetrokken, en een schilderijtje
-van hem gemaakt, door hem een roomkleurig flanellen nachtjaponnetje
-en een rose wollen jasje aan te trekken. En een half uur lang had
-hij er zich blijmoedig in geschikt, dat hij van de eene hand in de
-andere werd gegeven, geliefkoosd en gekust. Hij had zelfs toegelaten,
-dat Nell in zijne rose teentjes een voor een beet, en een geruimen
-tijd onzin praatte over kleine biggetjes, die naar de markt gingen,
-en meer dergelijke dwaze dingen uitvoerde.
-
-Hij had bijna niet tegengesparteld, toen er eene twist was gerezen
-over het bezit van zijne persoon, en Bunby zich aan zijn hoofd en zijn
-lichaampje had vastgeklampt, terwijl Nell heftig aan zijne beenen trok.
-
-Maar na een poosje, toen Esther op een der banken een bedje voor hem in
-orde gemaakt, en hem daarop had neergelegd, drongen de onaangenaamheden
-die hem wachtten, tot zijn bewustzijn door.
-
-Hij had thuis een wiegje, dat op een kleinen vergulden standaard
-rustte, die hem altijd een lust voor de oogen was--hij kon niet
-begrijpen, waarom hij dat moest ontberen, en genoegen nemen met een
-driedubbel gevouwen reisdeken. Hij was buitendien gewend aan een
-gedempt licht, eene stille kamer, en een waarschuwend fluisteren van
-sst! sst! wanneer de een of ander zoo ver ging, geritsel te maken.
-
-Hier flikkerde het groote, gele licht den geheelen tijd door, en elk
-der luidruchtige familieleden, in wier handen hij zooveel moest dulden,
-was niet verder dan een paar voet van hem verwijderd.
-
-Dus verhief hij zijne stem en schreide. En toen hij tot de ontdekking
-kwam, dat hij door schreien zijn wiegje niet kon terugkrijgen, evenmin
-als de kleine, dansende kwasten van het muskietengaas, begon hij
-twee tonen hooger, en toen zelfs op dat oogenblik Esther hem alleen,
-om hem te bedaren, op den schouder bleef kloppen, barstte hij in een
-oorverdoovend geschreeuw uit.
-
-Nellie liet al hare lange krullen over zijn gezichtje dansen, om
-zijne aandacht te trekken, maar hij pakte ze arglistig en trok er
-aan, tot haar de tranen in de oogen kwamen. Esther en Meg zongen
-wiegeliedjes tot haar keel haar begon pijn te doen. Judy probeerde in
-de kleine ruimte met hem op en neer te loopen, maar hij hield zich
-stijf in hare armen, en zij was niet krachtig genoeg om hem vast te
-houden. Ten laatste viel hij van uitputting in slaap, diep snikkend
-ademend en nu en dan een hikkend, droevig geluid makend.
-
-Toen werd Bunby slapende op den grond ontdekt, met zijn hoofd onder
-eene bank, en dus moest hij opgetild worden, en in eene gemakkelijker
-houding neergezet; en Baby, die in een hoekje rechtop neerzat,
-knikkebolde als een klein rose en wit meizoentje, dat door de
-zonnewarmte bedwelmd is.
-
-Een voor een verstreken de lange uren, steeds verder en verder stoof de
-trein met zijne roode oogen door het stille, slapende land, zwaaiende
-om reuzenbochten, langzamer zich tegen de steilten opwerkend, met
-pijlsnelle vaart door de eindeloos zich uitstrekkende vlakte snellend.
-
-De duisternis week voor een vaal licht, en mijlen lang verhieven zich
-nu, eentonig, jonge gomboomen tusschen den trein en den hemel. De zon
-verrees, en de aarde werd liefelijk en rozig, als een kind, dat uit
-zijne sluimering ontwaakt. En toen kwamen de vale tinten weer terug,
-de teedere, trillende lichteffecten verdoofden, en de regen begon
-te vallen. Stroomen regen, die tegen de ratelende vensters sloegen,
-voortgezwiept door een snijdenden morgenwind, die van de bergen kwam
-gevlogen. En zij waren een afgemat, slaperig kijkend, neerslachtig
-achttal, toen zij te vijf uur op het perron te Curlewis uit den waggon
-stapten. Judy hoestte van de vochtige morgenlucht en werd snel naar
-de wachtkamer gebracht en in een reisdeken gepakt.
-
-En toen werden hunne koffers en valiezen uitgeladen en de trein
-stoomde weer weg, en daar stonden zij nu treurig en verlaten te kijken,
-want het scheen wel, dat er niemand was, die hen kwam halen.
-
-Daar weerklonk het geluid van wielen, die door plassen rolden, het
-knallen van eene zweep, den hoefslag van paarden en zij stormden
-allen weer naar voren en keken over de witte paaltjes, die het perron
-afsloten, naar den weg.
-
-Zij zagen een groot, overdekt rijtuig, gemend door eene wijde, gele
-olie-jas, die zeker het omhulsel was van een koetsier, en nog een hoog,
-ander rijtuig, waarvan een zeer groote man afklom.
-
-"Vader!"
-
-Esther stormde naar buiten in den regen. Zij sloeg hare armen om
-den druipenden regenjas en eerst na een paar minuten hief zij zich
-weer op. Misschien was dit de oorzaak, dat hare oogen en wangen zoo
-vochtig waren.
-
-"Mijn klein meisje--Esther--kind!" zeide hij, en tilde haar bijna
-van den grond op, toen hij haar kuste, hetgeen een zonderlingen
-indruk op Meg maakte, in wier oogen hare stiefmoeder eene deftige
-persoonlijkheid was.
-
-Toen leidde hij hen allen snel naar de rijtuigen, vijf stapten in
-het eene en drie in het andere. Zij hadden nog vijf en twintig mijlen
-te rijden.
-
-"Wanneer hebben jelui het laatst iets gegeten?" vraagde hij; het speet
-hem de neerslachtige gezichtjes van de kinderen te moeten zien. "Moeder
-heeft cakes en sandwiches voor jelui meegegeven, maar koffie of iets
-anders warms kunnen we eerst krijgen, als we thuis zijn."
-
-Esther vertelde hem, dat zij te Newcastle, om negen uur, het laatst
-koffie gehad hadden, maar dat deze zoo brandend heet was geweest,
-dat zij haar grootendeels niet hadden kunnen uitdrinken, en weer vlug
-hadden moeten instappen. De zweep werd over de paarden gelegd en zij
-vlogen over de modderwegen in een draf, dien Pip, niettegenstaande
-zijne vermoeidheid, met genoeg bewonderen kon. Maar het was toch een
-zeer onbehagelijke rit, en de Generaal schreide bijna onafgebroken
-van het oogenblik van vertrek tot zij aankwamen, zeer tot Esthers
-misnoegen, want zoo kon zijn grootvader, bij deze eerste kennismaking,
-niet den besten indruk van hem krijgen.
-
-Ten slotte, toen iedereen begon te gevoelen, dat zijn geduld uitgeput
-raakte, verbrak een hoog wit hek de eentonigheid van druipend natte
-heggen.
-
-"We zijn thuis!" riep Esther vroolijk. Zij liet den Generaal op hare
-knie dansen.
-
-"Daar, van dat hek, viel mamaatje, toen zij drie jaar oud was,"
-zeide zij, en keek er vol genegenheid naar, toen Pip het open wierp.
-
-Nog eens ging het door den plassenden regen; de wielen rolden nu
-zacht voort, want de weg was bedekt met natte, gevallen bladeren.
-
-"Waar is het huis?" zeide Bunby, terwijl hij tusschen Pips arm die op
-den bok zat, door keek; hij zag nog steeds niets dan eene eindelooze
-laan van gomboomen. "Ik dacht dat je zeidet, dat wij er waren, Esther!"
-
-"O, het woonhuis is niet zoo dicht bij het hek als op Misrule,"
-zeide zij. En dit was inderdaad zoo.
-
-Vijftien minuten gingen voorbij alvorens zij de schoorsteenen konden
-ontdekken, toen moest er een tweede hek geopend worden.
-
-Er vertoonde zich aan hun oog een goed onderhouden grintweg,
-bloembedden met palmhegjes er om, een rijkdom van rozestruiken,
-die vooral Meg verheugde, en twee geschoren, nu zeer natte
-tennisgrasvelden.
-
-En toen het huis.
-
-De veranda trok al hun aandacht, want deze was zoo bijzonder groot,
-zoo groot als eene gewone kamer, en er stonden sofa's en stoelen,
-en tafeltjes hier en daar, hangmatten hingen in de hoeken, en eene
-dichte, groene kruipende plant met verregende vlinderbloemen slingerde
-zich tegen een buitenmuur.
-
-"He!" zeide Pip. "He! wat ben ik stijf! Neen maar, wat begin je
-daar nu?"
-
-Want Esther had haar zoontje op zijn knie gezet, gleed uit het rijtuig
-en liep de trap, die naar de veranda leidde, op. Daar stond een klein
-oud dametje, met eene heel groot huishoudschort voor. Esther sloot haar
-in hare armen, en zij kusten elkander en hielden elkander omstrengeld,
-tot zij beiden begonnen te schreien.
-
-"Mijn lief klein meisje!" snikte de oude dame, terwijl zij met bevende
-hand Esther's natte haren en nog natter wangen betastte.
-
-En Bunby, die ook dadelijk uitgestapt was keek van de slanke gestalte
-zijner stiefmoeder naar het kleine figuurtje van hare moeder en lachte.
-
-Esther snelde terug naar het rijtuig, nam den Generaal van Pip aan,
-en, weer de treden opspringende, legde zij hem in haar moeders armen.
-
-"Is hij niet een dikkertje!" zeide Bunby, deelende in haar trots. "U
-moet eens naar zijn beentjes zien!"
-
-De oude dame zat één oogenblik neer in den natsten stoel, dien zij
-vinden kon, en drukte hem tegen zich aan.
-
-Maar hij balde zijne verkleumde vuistjes, vocht zich vrij, en
-schreeuwde om Esther.
-
-Mr. Hassal had de rijtuigen nu ledig gepakt, en kwam de trap op.
-
-"Zou je hun niet eens iets te eten geven, moedertje?" zeide hij,
-en de oude dame liet in haar schrik haar kleinzoon bijna vallen.
-
-"Ach! ach!" zeide zij, "waar zijn mijne gedachten? Wel, wel! Dat ik
-daarvoor niet eerder gezorgd heb!"
-
-Tien minuten later hadden zij allen drooge kleederen aan, en zaten
-in de warme eetkamer met grooten eetlust te ontbijten.
-
-"Wat had ik een honger!" zeide Bunby. Hij had den mond vol geroosterd
-brood, en was bezig zijn vierde ei te openen, terwijl hij een schotel
-in het oog hield, waarvan het eene gedeelte met honig, het andere
-met geslagen room gevuld was.
-
-"Die lieve oude borden!" Esther nam het hare op, toen zij het
-leeggegeten had en keek vol liefde naar de blauwe rozen, die er op
-geschilderd waren. "En als ik bedenk, dat den laatsten keer, dat ik
-er van een at, ik..."
-
-"Een bruidje was," zeide de oude dame, "en den sluier hadt je toen
-weggeslagen, en iedereen keek naar je, want je sneedt de taart. Twee
-zijn er sedert dien tijd maar gebroken--en, het is waar ook, Hannah,
-het dienstmeisje, dat gekomen is na Emily, heeft den hengsel van het
-suikermandje gebroken en een stuk uit de spoelkom geslagen."
-
-"Waar zat vader toen?" vraagde Meg. In hare gedachten bevolkte zij de
-kamer met bruiloftsgasten, de ham en de coteletten, het geroosterde
-brood en de eieren en de schalen met vruchten, waren veranderd in
-eene groote, hooge, witte taart met zilveren bladeren.
-
-"Juist waar Pip nu zit," zeide mevrouw Hassal, "en hij hielp Esther
-met de taart, omdat zij haar met zijn sabel sneed. Wat heb je toen
-een groot gat in het tafelservet gemaakt, Esther, het was mijn beste
-damasten met de convolvulus-bladeren, maar ik heb het natuurlijk
-gestopt!"
-
-Baby had haar kop omgeworpen, en de koffie liep nu over haar heen en
-over haar bord en over Bunby, die naast haar zat.
-
-Zij barstte in tranen uit van vermoeidheid, en omdat zij zenuwachtig
-was door al het nieuwe, dat haar omringde. Zij gleed van haar stoel
-en onder de tafel. Meg tilde haar op.
-
-"Mag ik haar naar bed brengen?" zeide zij. "Zij schijnt doodelijk
-vermoeid."
-
-"Mag ik ook naar bed?" sprak Nellie, terwijl zij haar ontbijt verder
-liet staan en haar stoel naar achteren schoof. "Ik heb zulk een slaap!"
-
-"En ik dan!" Bunby at in vliegende haast alles wat op zijn bord lag
-en stond op. "En die akelige koffie loopt in mijne laarzen!"
-
-En dus, juist toen de zon begon te glimlachen en de tranen van den
-hemel weg te jagen, gingen zij allen naar bed om de schade van den
-onrustigen nacht in te halen, en het was zes uur en weer theetijd
-voor een van hen de oogen opende.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XVI.
-
-YARRAHAPPINI.
-
-
-Yarrahappini in den zonneschijn, dien zonneschijn, die den zilveren
-draad van den thermometer tot 100° doet stijgen!
-
-In de verte teekende zich aan drie zijden met eene zachte blauwe lijn
-eene heuvelreeks met bosschen af. En in den omtrek van het woonhuis
-waren de boomen krachtig en heerlijk groen, en de bloemen prijkten
-met een rijkdom van kleuren.
-
-Maar de vlakte, die zich daartusschen uitstrekte, was bruin. Haar
-bedekte verzengd gras, hier en daar afgewisseld door een plek
-vaalgroene halmen, terwijl kleine boschjes de ruggen der heuvels, die
-eenige afwisseling brachten in de rechte lijn der velden, bedekte,
-en weer in de hellingen verdwenen, waar gras en doorngewas welig
-groeiden. Het hoofdstation bestond uit een klein dorp op den top
-van een heuvel. Jaren geleden, toen Esther niet grooter was dan haar
-kleine Generaal nu, had er alleen eene ruw getimmerde woning gestaan
-op den heuveltop, met een paar hutten van boomschors als bijgebouwen.
-
-En Mr. Hassal was van den morgen tot den avond in het zadel geweest,
-en had harder gewerkt dan twee van zijne drijvers samen, en mevrouw
-Hassal had hare liefhebberijen laten rusten, hare handwerken, hare
-guitaar, haar schilderdoos, en had geschrobd en gekookt en gewasschen
-als menige vrouw van een landbezitter vóór haar gedaan had, tot de
-angstig verbeide wolmarkt hun betere dagen bracht.
-
-Toen verrees eene groote, steenen woning juist tegenover het kleine,
-oude buitenhuis met zijn door flesschen afgeperkt tuintje, waar
-nooit iets aristocratischers te zien was geweest dan de snuitjes
-van biggetjes en scharlakenroode geraniums. Het was een zeer mooi
-buitenhuis, met eene menigte luchtige kamers, vele vensters en een
-diepe veranda. Het kleine roode gebouwtje was keuken, buitendien
-bevatte het kamertjes voor de twee dienstmeisjes, en aan het groote
-woonhuis was het met eene overdekte gang verbonden.
-
-Een honderd ellen ver weg stond eene woning, die twee vertrekken
-bevatte, en bewoond werd door den zoon van een Engelschen baronet,
-die tegen zeventig pond in het jaar en vrijen kost, de boeken van
-Yarrahappini hield en het opzicht voerde over de magazijnen.
-
-Nog wat verder stonden twee hutten van boomschors, zij waren tegen
-elkaar aan gebouwd. Tettawonga, een oude, kromme inboorling, woonde
-in de eene, en voerde weinig meer uit, dan rooken, en iederen morgen
-vertellen, wat hij van het weer dacht. Twintig jaar geleden had hij
-meegeholpen om een stevig fundament te maken voor het roode woonhuis,
-dat geheel gereed gebouwd daarheen was gebracht op een grooten,
-door ossen getrokken wagen.
-
-Voor vijftien jaar had hij met zijn tomahawk een van twee
-struikroovers, die zich in Yarrahappini poogden te nestelen, in de
-afwezigheid van den eigenaar gedood, en had hij de kleine bevende
-mevrouw Hassal en Esther naar eene veilige plaats gebracht, was
-teruggegaan, en had den anderen een slag op het hoofd gegeven, die
-hem bedwelmde, tot hulp kwam opdagen.
-
-Zoo had hij zich natuurlijk een recht verworven op de hut en het
-dagelijksch rantsoen en de pijp, die nooit van zijne lippen kwam.
-
-Twee werklieden van de bezitting woonden in de andere hut, wanneer
-zij niet uit waren naar veraf gelegen weiden.
-
-Vlak bij het huis was een groot, waterdicht gebouw, met eene zware,
-van een hangslot voorziene deur.
-
-"O, laten we daar eens ingaan," zeide Nell, aangetrokken door de
-grootte van het hangslot; "het ziet er uit als een huis, waarin
-schatten geborgen worden, uit een boek. Mogen we er niet in,
-grootmamaatje?"
-
-Zij waren bezig alle gebouwen te verkennen--de zes kinderen in een
-troepje, mevrouw Hassal, die zij allen "grootmamaatje" noemden,
-zeer tot haar genoegen, en Esther met den jongen.
-
-"Je moet het gaan vragen aan Mr. Gillet," zeide de oude dame, "hij
-bewaart de sleutels van het voorraadshuis. Kijk, hij woont aan den
-overkant in dat huisje naast het waterreservoir, en spreekt beleefd,
-kinderen, alsjeblieft!"
-
-"Zulk een beschaafd man," zeide zij zachtjes tot Esther, "zoo knap,
-zoo welgemanierd, als hij alleen maar niet zoo dronk."
-
-Meg en Judy gingen, met Baby achter haar aan rennende, zoo vlug als
-hare korte beentjes het haar veroorloofden.
-
-"Binnen!" zeide eene stem, toen zij klopten.
-
-Meg aarzelde zenuwachtig, en een man opende de deur. Een groote,
-magere man, met rustelooze, zwaarmoedige oogen, een bruin, breed
-voorhoofd, en zorgvuldig geknipten baard.
-
-Judy deelde mede, dat mevrouw Hassal hen gezonden had om de sleutels,
-als hij er niet tegen had.
-
-Hij verzocht haar binnen te komen en te gaan zitten, terwijl hij naar
-het gevraagde zocht.
-
-Meg was verwonderd over de kamer, gelijk hare blauwe oogen duidelijk
-te kennen gaven, want zij had alleen maar van hem hooren spreken als
-van den magazijnmeester. Er was een boekenrekje, waarop zij Shakespeare
-en Browning en Shelley en Rosetti en Tennyson, William Morris en vele
-anderen zag, waarvan zij vroeger nooit gehoord had. Er hingen aardig
-in een lijst gezette photographieën en gravures van Engelsche en
-Europeesche tafereelen aan de muren. Er was een klein geëmailleerd
-zilveren vaasje op een hoekje, en eenige bloemen met lange ranken
-bloeiden daarin. De tafel met de overblijfselen van het ontbijt er
-op, was even keurig op kleine schaal als die, welke zij zooeven had
-verlaten, in het groote woonhuis.
-
-Hij kwam uit de binnenkamer terug met de sleutels. "Ik was bang, dat
-ik ze op eene verkeerde plaats gelegd had," zeide hij. "De middelste
-past op het hangslot, Miss Woolcot; de dikke koperen is voor de twee
-kisten, en de lange stalen voor de kast."
-
-"Dank u vriendelijk; ik vrees, dat wij u bij het ontbijt gestoord
-hebben!" zeide Meg, terwijl zij opstond en eene kleur kreeg, omdat
-zij dacht, dat hij hare verbazing over het boekenrekje had opgemerkt.
-
-Hij deed, alsof hij hare verlegenheid niet merkte en hield de deur voor
-haar open, met eene buiging, waar wel iets hoffelijks in was. Althans,
-dit vond Meg, terwijl zij vol verbazing er over peinsde, hoe het
-kon, dat men gezouten vleesch bij den centenaar en kisten vol meel
-bezat. Hij keek haar na, toen zij over het gras liepen--ten minste
-hij keek naar Meg in haar luchtig mousselinen japonnetje met licht
-blauw ceintuur, Meg met haar strooien zonnehoed en haar glanzende
-vlecht van kroezend haar, die tot op haar middel hing.
-
-Judy's lange zwarte beenen en verkreukt batist kleedje hadden niets
-schilderachtigs.
-
-Mevrouw Hassal maakte het hangslot van het voorraadshuis open. Welk
-een koor van "o's!" en "hè's!" rees er op uit de kinderen.
-
-Baby had nog nooit in haar leven zooveel suiker bij elkaar gezien;
-naar haar gezichtje te oordeelen, was zij wel gaarne een paar uur
-alleen in deze groote kamer geweest.
-
-En dan de krenten! Er was een groote houten kist boordevol--het
-zouden wel ongeveer vijftig pond zijn, dacht mevrouw Hassal, toen
-zij er haar naar vraagden.
-
-Bunby nam stil een handvol weg en stopte die in zijn zak, terwijl
-iedereen bezig was naar den berg van kaarsen te kijken.
-
-"Zelf gemaakt, liefje, natuurlijk!" zeide de oude dame. "Wel, ik
-zou er niet toe kunnen overgaan eene gekochte kaars te gebruiken,
-evenmin als gekochte zeep!"
-
-Zij liet hen de groote staven van zuiver ruikende, gele zeep zien,
-en fijnere, lichter gekleurde voor de waschtafel.
-
-Hammen en zijden spek hingen in groot aantal aan de balken. "Dit zijn
-schapenhammen," zeide zij, wijzende naar een gedeelte. "Die heb ik
-voor de drijvers."
-
-Pip wenschte te weten, of het de bedoeling was, dat het magazijn hun
-moest dienen voor hun geheele leven, er was genoeg; hij was verbaasd
-te hooren, dat het iedere zes maanden opnieuw voorzien werd.
-
-"Twintig tot dertig man, dat zijn dus de grenswachters en drijvers
-op verschillende gedeelten der bezitting, en tweemaal dit aantal
-in scheer- of drijfjachttijd, om niet te noemen de daglooners,
-die iederen dag hier werken--het is, alsof men een leger voedt,
-kinderen!" zeide zij. "En dan moest ik toch ook zorgen, voor jelui
-allen genoeg voorraad te hebben--vooral voor Bunby."
-
-Zij knipoogde schalks met hare kleine, grijze oogen, toen zij naar
-dien kleinen jongen keek.
-
-"U kan ze terugkrijgen," zeide Bunby, half pruilend. Hij haalde een
-half dozijn krenten uit zijn zak te voorschijn. "Ik had niet gedacht,
-dat het u iets kon schelen, bij zulk eene menigte; wij hebben maar
-eene flesch vol thuis."
-
-Waarop de oude dame hem op zijn hoofd tikte, een blik openmaakte,
-en zijne handen met vijgen en dadels vulde.
-
-"En moet u iederen dag voor al die mannen koken?" zeide Meg, benieuwd
-welke keukenkachel daar groot genoeg voor zijn kon.
-
-"Neen, schatje!" antwoordde de oude dame. "Wel neen! Iedere man
-zorgt voor zich zelf in zijne eigen hut; zij krijgen zelfs niet eens
-brood, alleen porties meel, om voor zich zelf hun twaalfuurtje te
-bereiden. Ook geven wij hun eene bepaalde hoeveelheid vleesch, thee,
-suiker, tabak, kaarsen, zeep en nog het een en ander."
-
-"Waar bewaart u de wol en zulke dingen?" zeide Pip, wiens geest zich
-verheven gevoelde boven de zelfgemaakte kaarsen; "ik kan geen enkele
-loods of iets dergelijks ontdekken."
-
-Mevrouw Hassal deelde hem mede, dat die op een mijl afstand stonden,
-bij het riviertje, waar de schapen op een bepaalden tijd van het
-jaar gewasschen en geschoren werden. Maar de hitte was te groot, dan
-dat zelfs Pip verlangde, om juist nu er heen te gaan; dus namen zij
-Mr. Hassal in beslag, verlieten grootmama met Esther, den Generaal en
-Baby, en gingen naar de uit baksteen gebouwde stallen in de nabijheid.
-
-Daar waren drie of vier voertuigen met kappen, maar in het geheel
-geen paarden, deze waren verderop in de weiden. Zij liepen over het
-grasveld den heuvel op. Een half dozijn paarden gaven gehoor aan een
-eigenaardig gefluit van Mr. Hassal; de andere waren wilde, ongetemde
-dieren, die de manen schudden en op het zien van menschen naar de
-verst afgelegen gedeelten, waar de boomen groeiden, vluchtten.
-
-Pip koos er een uit, een grijs, met lange harddraverspooten, en
-een smallen mooien kop; hij was wat trotsch, dat hij verstand van
-paarden had! Judy koos een zwart, met roodachtige, beweeglijke oogen,
-maar Mr. Hassal stond het haar niet toe, daar het een wisselvallig
-temperament had, en dus moest zij zich tevreden stellen met een bruin
-diertje, met zachten, satijnachtigen neus.
-
-Meg vraagde om een "heel erg mak" op fluisterenden toon, zoodat Judy
-en Pip haar niet konden hooren, en kreeg een oud beestje, dat mevrouw
-Hassal achttien jaar geleden gedragen had. Ieder dier was bestemd om
-geheel ter beschikking te staan van het jonge volkje, gedurende hun
-verblijf te Yarrahappini. Maar de ritjes moesten plaats hebben voor
-het ontbijt of na de thee (werd hun gezegd), als zij er eenig genoegen
-van verwachtten; het was anders te warm om paard te rijden. Nellie
-was teleurgesteld in de schapen, uitermate teleurgesteld. Zij had
-verwacht, groote, sneeuwwitte dieren te vinden, die tam zouden zijn,
-en haar zouden toelaten, linten om hunne nekken te strikken, en hen
-rond te leiden.
-
-Van den heuveltop zag zij den volgenden morgen het eene omheinde
-grasveld na het andere, elk met eene bruine, langzaam bewegende massa;
-zij rende naar beneden, door den zonneschijn, met Bunby, om ze van
-dichterbij te bekijken.
-
-"O, hoe jammer!" riep zij uit, en ware tranen van teleurstelling
-sprongen haar in de oogen, toen zij de groote, luie dieren met hunne
-lange, vuile, gehavende vachten zag.
-
-"Wacht maar een tijdje, vrouwtje!" zeide Mr. Hassal. "Wacht maar,
-tot dat wij ze baden!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XVII.
-
-DE RUNDEREN VAN YARRAHAPPINI.
-
-
- "De wilde stugge kudde te drijven in de omheining ...
- Met een loopend vuur van zweepen en vurig hoefgetrap ...."
-
-
-Pip kan nauwelijks slapen op een nacht, een maand na hunne aankomst,
-daar hij dacht aan de vee-drijfjacht, die op het programma stond voor
-den volgenden dag. Hij was aan het zoeken geweest naar de eene of
-andere nieuwe bezigheid, want hij was een jongen, voor wien afwisseling
-het zout van het leven was. In het begin was hij er zeker van geweest,
-nooit het konijnenschieten vervelend te gaan vinden. Mr. Hassal had
-hem het "aardigste, bovenste beste geweertje" gegeven, en Tettawonga
-was den eersten dag met hem uitgegaan, en had zijne opgetogenheid,
-dat hij er twee geschoten had, met groote minachting bejegend.
-
-"In de boschjes, konijn genoeg. Jager kan gaan naar het noorden,
-naar het zuiden, jager kan gaan waarheen hij wil. Bah, ieder goed
-prikkeldraad doet, elk goed vergif doet. Bah!"
-
-Maar Pip kon niet zoo spoedig ontmoedigd worden en dacht werkelijk,
-dat hij den Yarrahappinischen staat een groot voordeel gedaan had,
-door die twee zachte, vlugge, bruine diertjes te schieten. Hij nam
-ze mee naar huis, en liet ze vol trots aan de meisjes zien, maakte
-zijn volkomen schoon geweer schoon, en ging den volgenden dag met
-zijne uitvallen voort.
-
-Tettawonga nam zijne pijp van zijne lippen, toen hij hem weer zag,
-en lachte, een luiden, gichelenden lach, die Pip rood deed worden
-van drift.
-
-"Morgen en morgen weer! Konijn nu gauw weg gaat. Jongen komt met groot
-geweer, konijn dadelijk bang is, gaat onder den grond. Ha, ha, hi, hi!"
-
-Pip begreep zijn gebrekkig Engelsch genoeg om te weten, dat met hem
-den draak gestoken werd, en zeide hem boos: "zijn zottepraat voor
-zich te houden."
-
-Daarop schouderde hij het geweer, waarop hij zoo overmatig trotsch
-was, en ging naar den anderen kant van de prikkeldraadomheining,
-waar het gelukkig jachtterrein was van het kleine knaagdier, dat
-Mr. Hassal belette rijk te worden.
-
-Hij schoot er dien dag vijf, den volgenden vier, den daarop volgenden
-zeven, maar na een tijdje begon het hem te vervelen, en ging hij op
-vogels jagen, met meer plezier, maar minder zekerheid van de vangst.
-
-Iederen dag was tot aan den rand gevuld met genietingen, en was het
-alleen maar niet zoo ontzaglijk warm geweest, dan zou die eerste
-maand te Yarrahappini er een geweest zijn, van volkomen tevredenheid
-en geluk.
-
-En nu was er de vee-drijfjacht!
-
-Het ontbijt werd op den morgen van de groote gebeurtenis zeer vroeg
-gebruikt; tegen half zes was het reeds afgeloopen, en Pip, in een
-koorts van rusteloosheid, vertelde aan Mr. Hassal, dat hij er zeker
-van was, dat zij te laat zouden zijn, en alles misloopen.
-
-Judy had ijverig gepleit, om toestemming te krijgen mede te gaan, maar
-iedereen zeide, dat hiervan geene sprake kon zijn--het werd zelfs in
-twijfel getrokken, of het verstandig was Pip toe te staan het gevaar
-onder de oogen te komen, dat onafscheidelijk is van het drijven van het
-wildste gedeelte der kudde, dat van veraf gelegen weiden was opgejaagd.
-
-Maar hij had zoo naar den dag verlangd, en zich zoo doelmatig gekleed,
-dat Mr. Hassal niet het hart had, hem thuis te laten.
-
-Hij kwam naar beneden om te ontbijten in een baaien hemd en een oude,
-saaien broek, om zijn middel vastgemaakt met een lederen gordel, in
-welken een ontbloot dolkmes, pas geslepen, los weg was gestoken. Geen
-overreding kon hem er toe brengen eene jas te dragen, noch het mes
-in de scheede te bergen.
-
-Het grijze paard werd om het huis naar de trap der veranda gebracht,
-evenals Mr. Hassal's prachtig rijdier. Mr. Gillet zat op een goed
-onderhouden appelschimmel; hij had drie zweepen met houten handvat,
-twee van wel zestien voet lang, de derde was korter, en deze bood
-hij Pip aan.
-
-Het gelaat van den jongen gloeide. "Hoera, Fizz!" riep hij uit, en hij
-stond in de stijgbeugels op en zwaaide de zweep om zijn hoofd. "Wat
-zou je er voor geven, om van plaats te ruilen?"
-
-Hij drukte de sporen in de zijden van het paard en stortte zich
-holderdebolder in een wilden galop den heuvel af.
-
-Het was anderhalve mijl naar de omheinde grasvelden voor de kudden,
-en daar heerschte de grootste opgewondenheid.
-
-Pip kon niet begrijpen van waar al die mannen gekomen waren. Er
-waren wel twintig of dertig drijvers; scheerders, die niets te doen
-hadden; twee inboorlingen, buiten Tettawonga, die rookte en slaperig
-en vergenoegd toekeek, en verscheidene andere werklieden der bezitting.
-
-Op het eerste omheinde grasveld waren vijfhonderd stuks vee, die
-daar den nacht te voren in gedreven waren, en die nu den aanblik
-van een zee van wildzweepende staarten en hoorns aanboden.--Wat een
-hoorns!--groote, gekromde, angstverwekkende hoorns, waarmede zij
-elkander openreten en woedend bevochten, daar zij zagen, dat zij niet
-bij den gemeenschappelijken vijand konden komen.
-
-In het eerste oogenblik voelde Pip zich een weinig afkeerig de veilige
-plaats op den rug van zijn paard te verlaten. Het gedreun van de
-hoeven en hoorns, de wilde aanvallen, gedaan door de wanhopige dieren
-op de omheining, deden hem verwachten, deze iedere minuut krakend te
-zien bezwijken.
-
-Maar al de anderen waren gaan zitten op de bovenste dwarslat van de
-omheining, en keken neer op de verwoede dieren; daarom maakte hij
-ten slotte zijne teugels aan een boom vast en trad omzichtig vooruit,
-om dit voorbeeld te volgen.
-
-Op een plotseling signaal van Mr. Hassal lieten de mannen zich aan
-beide zijden aan den binnenkant der omheining zakken. Het doel was
-een tweehonderd stuks vee in de aangrenzende versterkte omheining, van
-welke het hek wijd open stond, te drijven. Pip was hoogst verwonderd
-over den moed der mannen; voor een oogenblik had zijn hart in zijn
-keel geklopt, toen de eene stier na den anderen zich een weg door
-hen trachtte te banen; maar de lucht weergalmde van zweepgeklap en
-van het geluid van stokslagen, en het eene beest na het andere trok
-naar het midden terug, den kop druipend van bloed.
-
-Toen holde een ontzaglijk groot zwart dier, met een gebrul, dat
-den grond scheen te doen trillen, woest springend naar het hek;
-de geheele kudde kwam achter hem aan. Bliksemsnel vormden de mannen
-achter hen eene rij, schreeuwend, gillend, klappend met de zweepen,
-om ze vooruit te drijven. Pip vloog op, en hitste ze aan, geheel
-buiten zich zelven van opwinding. Toen hield hij zijn adem weer in.
-
-Mr. Hassal en een van de inboorlingen slopen behoedzaam vooruit,
-langs den doorgang, door welken de onstuimige stroom van hoorns en
-ruggen zich stortte. Een half dozijn krachtige slagen van de mannen,
-en de laatste aanvoerder deinsde één oogenblik achteruit, de troep
-achter zich terugdringend.
-
-In dit oogenblik hadden de twee mannen de sluitboomen dichtgeschoven
-en de kudde was in twee gedeelten verdeeld.
-
-Wederom twee rijen drijvers, zweepgeklap, gebrul, bloed, hoorns,
-huiden, en hoeven in de lucht, en een veertig- of vijftigtal was
-binnen de derde omheining geborgen,--eene lange, nauwe ruimte met
-eene opening aan het eind, leidende naar de eindafdeeling.
-
-Pip leerde van Mr. Gillet het doel van deze afscheiding: sommige
-der dieren waren bijna waardeloos, men had hen aan een opkooper
-toegewezen voor een paar pond het stuk, enkel de waarde van de hoorns,
-de huid en het vleesch. Andere waren voortreffelijke, vette beesten,
-gereed voor den slager en de markt van Sydney. En andere weer bleken
-buitengewoon schoone dieren van groote waarde als fokvee, en moesten
-in een afzonderlijk perk gebracht worden.
-
-De man bij den laatsten doorgang verrichtte bet hoogst gewichtige werk
-van het uitkiezen. Hij was gewapend met een korten, dikken stok, en
-terwijl de andere mannen de dieren naar hem toe dreven, besliste hij
-bliksemsnel tot welke klasse zij behoorden. Een hevige slag op den
-neus, eene vlugge opeenvolging van harde slagen tusschen de oogen,
-en het meest woeste beest deinsde verblind terug waarheen de drijver
-het zond. Den geheelen dag werd het werk voortgezet, en juist toen
-de groote, warme, purperen schaduwen schuin over de vlakten begonnen
-te vallen, verzekerden zij den laatsten sluitboom, was het gevecht
-afgeloopen, en waren de dieren in de voor hen bestemde perken.
-
-Pip at genoeg gezouten vleesch en ander voedsel om hem half dood
-te maken, dronk meer thee dan waarover hij ooit beschikt had op
-één avond in al zijn veertien jaar, slingerde zich in zijn zadel,
-daarbij den oudsten drijver zoo goed mogelijk nadoende, en bedacht,
-dat als hij slechts eene zwarte, leelijke pijp zooals Tettawonga
-en de andere mannen kon hebben, zijn geluk volmaakt en hij een man
-geworden zou zijn.
-
-Hij kwam thuis "zoo moe als een hond", en vermaakte zijne zusters en
-Bunby met een levendig verhaal van de gebeurtenissen van den dag,
-terwijl hij breedvoerig uitweidde over zijne eigen kracht en de
-menigvuldige gevaren, waaraan hij ontsnapt was.
-
-Den volgenden dag reden Esther en Judy met de anderen naar de omheinde
-grasvelden om vee te zien wegdrijven.
-
-De besten van het gedeelte, die Mr. Hassal alleen verlangd had af te
-scheiden, niet te verkoopen, waren door het hek naar buiten gedreven,
-terug naar hunne vroegere velden en weiden.
-
-De "landopeters", een honderd vijftig stuks, met een half dozijn
-drijvers, gezeten op de beste paarden der bezitting, die voor
-hen uitgezocht waren, werden bevrijd uit hunne opsluiting, in een
-toestand van waanzinnige woede, met veel geklap van zweepen en gegil,
-samengedreven tot eene kudde, en over de vlakte voortgejaagd in de
-richting van den weg. En een uur of twee later werd de beste troep
-slachtvee weggeleid, en wederom heerschte er rust op Yarrahappini.
-
-Gedurende de twee dagen van opwinding hadden alle kinderen omtrent
-hunne toekomst een besluit genomen. Zij hadden allen beroepen gekozen
-van landelijken aard.
-
-Pip was van plan drijver te worden en vee te merken en kudden op te
-jagen, zijn geheele leven door. Judy besloot zijn aide-de-camp te zijn
-op voorwaarde, dat hij haar in het zadel liet blijven, en haar eene
-even lange zweep als hij had, verschafte. Meg dacht, dat het haar wel
-zou aanstaan, den rijksten squatter van Australië te trouwen, en den
-Gouverneur en den Premier te logeeren te krijgen voor jachtpartijen
-en dergelijke dingen, en bals te geven, waarheen alle menschen uit
-honderd mijlen in den omtrek zouden komen. Nell besloot, dat zij zeep
-en kaarsen, zoowel gekleurde als ongekleurde zou maken, als zij tot
-de jaren des onderscheids zou gekomen zijn, en Baby had grooten zin
-kampen vol lieve lammertjes te houden, die nooit schapen werden.
-
-Bunby geraakte over geen dezer plannen in vuur.
-
-"Ik zou liever willen zijn, zooals Mr. Gillet!" zeide hij, en zijne
-oogen keken droomerig.
-
-"Daar zou ik voor danken. Geen boeken en cijfers! Geef mij een gedeelte
-van Salt Bush, en eenige duizenden schapen!" zeide Pip.
-
-"Hoor hij, hoor hij!" riep Judy er tusschen.
-
-"Ezels!" zeide Bunby op een toon van groote minachting. "Bewaart
-Mr. Gillet niet de sleutels van het magazijn?--denk dan toch eens
-aan de krenten en vijgen!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XVIII.
-
-DE PICNIC TE KRANGI-BAHTOO.
-
-
-Esther was naar een bal gegaan, niet in eene lichte japon met groote
-pofmouwen, met lagen hals, verrukkelijk schoon onder haar châle en
-kanten, niet door den duisteren nacht naar eene zee van licht en
-liefelijke muziek.
-
-Zij was gegaan, in het heldere licht van den morgen, in eene linnen
-japon met lichtblauw overhemd, een matrozenhoedje, en eene reisvoile.
-
-Onder den bok, waarop Mr. Hassal zat, stond eene doos, waarin zich
-eene mooie japon bevond van lichtgele zijde, opgemaakt met luchtig
-chiffon. En daar waren gele schoenen en kousen, een veeren waaier in
-eene hoedendoos op haar schoot, en een keurige onderrok met sleep,
-versierd met allerliefste strookjes, die Meg hartelijker dan ooit
-deed verlangen, groot te zijn. Maar geen van deze dingen zou nog in
-de eerste uren worden gebruikt.
-
-Het bal had plaats in eene woning, die de kleinigheid van vijf en
-vijftig mijlen ver van Yarrahappini gelegen was, en dus had zij
-natuurlijk tamelijk vroeg moeten vertrekken, om zich op haar gemak
-te kunnen "mooi maken" zooals Pip dit noemde.
-
-De kinderen zouden, als eene vergoeding daarvoor, dat zij aan dit
-genoegen geen deel konden nemen, onder elkander een buitengewonen
-picnic mogen houden.
-
-In de eerste plaats was de plek, die zij daarvoor uitgekozen hadden,
-veertien mijlen ver; in de tweede plaats zou de reis daarheen niet
-in alledaagsche rijtuigen of op gewone paarden gemaakt worden, maar
-op een sleeperswagen, getrokken door een span van twaalf ossen.
-
-Een grenswachter had gemeld dat een prachtige gomboom, dien zij lang
-den Koning der Koree's genoemd hadden, door eene hevige windhoos
-omgewaaid was geworden, en Mr. Hassal beval dadelijk dat, hoe groot
-de moeite ook zijn zou, hij weggehaald moest worden om eene soort
-van dam dwars door het riviertje te Krangi-Bahtoo, de plaats, waar
-men den picnic wilde houden, te vormen. De gevallen woudreus lag
-twintig mijlen van het woonhuis, en zes mijlen van Krangi-Bahtoo;
-en de afspraak was, dat de wagen het gezelschap veertien mijlen ver
-zou rijden, dan den boom zou halen, en hem bij het riviertje brengen,
-waar hij voorloopig kon blijven liggen, en vervolgens de kinderen in
-de koelte van den avond weer als rijtuig zou dienen.
-
-Wanneer het niet zijn plan geweest was zijne dochter op het bal
-te vergezellen, zou Mr. Hassal zelf gegaan zijn om een oog op de
-werkzaamheden te houden. Nu vertrouwde hij echter den grooten kar
-aan vier mannen toe, en gelastte hun, een paar helpers te gaan halen,
-wanneer zij aangekomen zouden zijn.
-
-Krangi-Bahtoo--of Eendenwater, zooals wij, minder welluidend, zouden
-zeggen--was de naam van den oorsprong van het riviertje, dat den
-grond uitholde en een poel vormde, tot het zich juist op dit punt
-een weg begon te banen, tusschen steile rotsen door en losse steenen,
-waar de kangoeroes dartelden en met de jagers verstoppertje speelden,
-terwijl het beschaduwd werd door blauwe gomboomen en roode gomboomen,
-die zich in den blauwen hemel daarboven schenen te verliezen.
-
-Tettawonga had verteld van een geest, die daar woonde, waar het
-borrelende water een vijver vormde, een diepen schoonen vijver,
-welks oevers door fijne varens sierlijk omlijst werd, en welks
-waterspiegel de zware, dichte boomen, die hem als met een gordel
-omgaven, weerkaatste.
-
-Het water had daar leven gebracht, de zwarte zwaan bouwde zijn nest
-tusschen het grasachtige riet, de wilde eend nam in zig-zag lijnen
-zijn vlucht. In de boomen huisden de orgelvogel, de glansspreeuw,
-eenige soorten van paradijsvogels, en vervulden de lucht met geluiden,
-hoewel dan ook niet met liefelijk gezang. En de bruine, de zwarte, en
-eene menigte andere vergiftige slangen gleden kronkelend tusschen de
-gevallen bladeren en het gras, en hielden zich gereed, elken indringer
-te ontvangen. En zoo kwam het, dat er eene voorwaarde verbonden was
-aan den picnic, die den kinderen overigens zoo van harte gegund werd.
-
-Een ieder mocht medegaan, en mocht op den ossenwagen meerijden,
-maar de picnic moest op eenigen afstand van het ravijn gehouden
-worden en niemand had verlof zich daarheen te begeven, op straffe
-van oogenblikkelijk terug naar Sydney gezonden te worden.
-
-Zij beloofden allen, dit bevel te zullen opvolgen. Mevrouw Hassal,
-nietig als zij was, verstond de kunst, zich onvoorwaardelijk te
-doen gehoorzamen.
-
-Toen werd er een ongelooflijk aantal manden, volgepakt met allerlei
-heerlijke eetwaren, op den wagen gezet.
-
-Mr. Gillet zou medegaan, om de kinderen niet geheel onder elkaar te
-doen zijn, en om op te passen dat niemand een zonnesteek kreeg.
-
-Hij had Heine in den eenen zak als voorbehoedmiddel tegen de
-verveling, die deze lange, ongewone dag misschien zou meebrengen;
-een zwaarlijvigen, uitpuilenden Tennyson in den anderen, en een
-pak Engelsche couranten onder zijn arm, toen hij op den wagen klom,
-waar alle zeven reeds gezeten waren. Alle zeven? Zeker.
-
-Judy had zonder den Generaal niet van de partij willen zijn, en had
-gezegd "met haar leven er voor te zullen instaan," dat hem geene
-ongelukken zouden overkomen.
-
-Mr. Gillet keek bijna verstoord, toen hij het geheele troepje aanwezig
-vond, zonder dat de tot ondeugendheid neigenden thuis bleven, of iemand
-anders buiten hem zelven mee ging, die eenig gezag kon uitoefenen. Een
-oogenblik twijfelde hij, onder de gegeven omstandigheden, aan zijn
-persoonlijk overwicht.
-
-Judy ving den weifelenden blik op.
-
-"U zegt bij u zelven een gedicht op, Mr. Gillet!" zeide zij.
-
-"Ik?" sprak hij, en keek verwonderd. "Werkelijk niet. Waarom denkt
-u dat, Miss Judy?"
-
-"Ik kan het duidelijk hooren!" zeide zij. "Uwe oogen vertellen er van,
-en uw linker oor, om niet te spreken van de punten van uw snor."
-
-"Judy!" riep verwijtend Meg, die door de eene of andere omstandigheid
-buitengewoon stil was.
-
-Hij wendde voor, boos te zijn--sloot zijne oogen, hield zijn linker
-oor vast, en bedekte zijn snor.
-
-"Wat zouden ze kunnen zeggen?" sprak hij.
-
-
- ""O, dat ik was waar 'k wilde zijn!
- Dan was ik niet, waar ik nu ben;
- Maar waar ik ben, daar moet ik zijn,
- En waar ik 't wilde, kan ik niet."
-
-
-Meg, ik verzoek je vriendelijk uit te scheiden, met op mijne teenen
-te trappen!"
-
-En zoo werd Mr. Gillet zelfs vroolijk en spraakzaam, om te toonen,
-dat hij zich amuseerde, en de ossen werden aangestoken door den
-opgewekten geest, die achter hen heerschte, en bewogen zich een klein
-weinig sneller voorwaarts dan slakken. Toen zij ongeveer tien mijlen
-ver gekropen waren, begon de langzame beweging en de hitte, die op
-hen neerviel, hen een weinig te kalmeeren.
-
-"Als er niet iemand is, die een liedje zingt, of een verhaal vertelt,
-of iets voordraagt, of een grapje vertoont, dan stap ik uit en prik
-de ossen met mijn hoedenaald!" zeide Judy.
-
-Zij stond op om hare stijf geworden beenen te ontspannen, en poogde
-zelfs een pas-de-seul uit te voeren, maar een gleuf in den weg was
-oorzaak, dat aan hare bewegingen alle bevalligheid ontbrak. Zij viel
-weer op den wagen neer.
-
-"Hoe zou u het vinden, als ik u eens eenige gedichten voorlas, Miss
-Meg?" zeide Mr. Gillet.
-
-Zijne hand tastte naar zijn zak, de groote, zware Tennyson werd te
-voorschijn gehaald; maar Judy en Pip en Bunby en Nell en Baby deden
-een kreet van verontwaardiging hooren.
-
-"Dan zou ik nog liever uit willen stappen en de ossen en alles
-voortslepen!" zeide Pip; dus werd het boek weer weggeborgen.
-
-"Een verhaaltje over het een of ander," zeide Judy,--"over een
-koekoeboerra, als u niets beter verzinnen kan!"
-
-Zulk een vogel--met een deftig, geheimzinnig uiterlijk--zat op
-eene haag aan den kant van den weg, en zoo kwam juist hij Judy in
-de gedachten.
-
-"Wel, u zou een vervelender verhaaltje kunnen hooren dan dat wat ik ken
-over den koekoeboerra, of goboerra of landmansklok--of hoe u hem wil
-noemen," zeide Mr. Gillet, en streek peinzend langs zijn snor; "maar
-eigenlijk is Tettawonga de man, om deze oude legenden te vertellen;
-wat ik u zal mededeelen, is dus maar een verhaal uit de tweede hand,
-en vrij vertaald."
-
-Judy zette zich tot luisteren, en wiegde den Generaal heen en weer,
-om hem stil te houden.
-
-"Wacht even tot ik deze vrucht naar hem heb geslingerd"--zeide Pip,
-haalde er een uit zijn zak, en verdreef den vogel van de haag. "Hij
-mocht eens de leugens, die er over hem verteld worden, hooren en zich
-gekrenkt gevoelen."
-
-"Voor vele, vele jaren," Judy trok den neus op bij dit ouderwetsche
-begin, "voor vele, vele jaren," zeide Mr. Gillet, "toen dit jonge land
-nog jonger was, en onvergelijkelijk veel schooner, toen Tettawonga's
-voorvaderen dapper en sterk en gelukkig waren als zorgelooze kinderen,
-toen hun verschrikkelijkste droom hun nog nooit van een tijd had
-doen droomen zoo verschrikkelijk als de blanke man over hun ras zou
-brengen, toen--"
-
-"O, spaar ons de inleiding!" pruttelde Pip ongeduldig.
-
-"Toen," vervolgde Mr. Gillet, "om kort te gaan, een Gouden Eeuw dit
-land in zijn zonneschijn hulde, spreidden een jonge koekoeboerra
-en zijn wijfje de vleugels uit, en vertrokken naar de purperen
-bergen aan gene zijde der gomboomen. Iederen nacht en iederen
-dag hielden zij eenigen tijd rust, om zich met wormen, hagedissen,
-boschmuisjes en rupsen te voeden, hetgeen toen het eenige voedsel was
-der koekoeboerra's. Op een dag, toen zij over een bilwy vlogen--wat
-een klein stroompje is, Miss Judy--waren zij zeer verschrikt, toen zij
-een wipparoo--de naam, dien Tettawonga aan eene slang geeft, Pip--over
-een steen zagen liggen. Hare kop was opgeheven, haar mond wijd open,
-en haar nek zeer opgeblazen, en juist boven den kop van het monster
-fladderde, angstig klapwiekend en piepend, een mooi klein vogeltje,
-dat de koekoeboerra dadelijk herkende als zijnde de jeeda, het kleine
-blauwe winterkoninkje.
-
-"De wipparoo scheen al het mogelijke te doen, om het aardige kleine
-diertje, dat van vrees en opwinding bijna uitgeput was, angstig
-te maken. Het vloog steeds naderbij, staarde onafgebroken in de
-glinsterende oogen der slang, en ten laatste, met een doordringenden
-schreeuw, viel het hulpeloos in zijne gapende kaak. De koekoeboerra's
-waren zeer bedroefd, toen zij het treurige uiteinde van de arme
-jeeda zagen, en vlogen vlug weg uit het gezicht van de vreeselijke
-wipparoo. Weldra zagen zij haar echter haastig door het gras glijden,
-zonder twijfel op weg naar haar hol na het uitgezochte maal. Zij
-kwam langs een blok hout, dat langzaam lag te branden, en zoodra de
-wipparoo dit ontdekt had, legde zij zich, daar zij zeer moede was,
-er naast neer, en sliep den slaap des onrechtvaardigen.
-
-"In haar droom zag zij de jeeda weer boven zich fladderen, en
-plotseling haar kop ver omhoogstrekkende, opende zij haar vreeselijke
-kaken--toen eensklaps het mooie, blauwe vogeltje er zich uit bevrijdde,
-en ongedeerd vlug weg vloog."
-
-"Heb ik van mijn leven!" zeide Bunby. "Ga voort; die was nog handiger
-dan Jonas!"
-
-"De koekoeboerra's waren zoo verheugd, toen zij de wonderbare redding
-van de jeeda zagen, dat zij in een luid gelach uitbarstten--de eerste
-keer, dat een vogel gelachen heeft. Toen zonk de groote, roode zon,
-die Tettawonga en alle Koree's, Euroka noemen, weg achter de oranje
-getinte bergen, en de wereld werd grijs.
-
-"Een slanke, jonge Koree, die kwam aanwandelen, zag de wipparoo, en
-met een slag van zijn sterke nulla-nulla, dat, vertaald, een knots is,
-scheidde hij haar kop van haar lichaam."
-
-"Ik zou haar om mijn hoofd gezwaaid en haar rug verbrijzeld hebben,
-zooals Tettawonga doet!" zeide Pip. "Weet u zeker, dat hij het ook
-niet zoo deed, Mr. Gillet?"
-
-"Daar zou ik niet gaarne een eed op moeten doen," zeide deze heer,
-"aangezien de Koree het tijdelijke met het eeuwige verwisseld
-heeft, en dus niet als getuige kan opgeroepen worden. En verder: de
-koekoeboerra's sluimerden den geheelen nacht in een dichtbijzijnden
-boom; maar toen de zon weer begon haar boog langs den hemel te
-beschrijven, ontwaakten zij met een lach op hunne lippen--snavels
-moest ik zeggen, Miss Judy--want zij dachten er aan, hoe de jeeda
-aan de onbarmhartige wipparoo ontsnapt was. En sedert dien tijd,
-zoo sterk werkte dit voorval op hunne lachspieren, bij zonsopgang
-en zonsondergang, en ook wel eens tusschen dien tijd, barsten deze
-vreemdsoortige vogels in het lachen uit, dat u allen goed kent, en
-wanneer zij eene slang zien, pakken zij haar met hunne sterke bekken
-en dooden haar, als de Koree deed.
-
-"Miss Meg, die zilverachtig groene gomboom voor u, duidt Eendenwater
-aan."
-
-Wat waren zij verheugd eindelijk te kunnen opstaan en hunne ledematen
-op den grond uitstrekken. Niemand van hen had gedacht, dat met een
-ossenspan rijden zoo vervelend, saai en ongemakkelijk was, als het
-na de eerste paar mijlen bleek te zijn.
-
-Toen zette de wagen zijn weg voort.
-
-"Ik ben benieuwd of zij terug zullen zijn vóór zonsondergang, als zij
-niet wat vlugger voortmaken," zeide Mr. Gillet; "het is nu tijd voor
-den lunch."
-
-Zij bevonden zich op een groot grasveld, dat aan eene zijde plotseling
-naar het ravijn en het moerassige land afdaalde, hetwelk bekend was
-onder den naam van "Eendenwater."
-
-Groote boomen wierpen hun schaduw aan den eenen kant, en langs den
-anderen bevond zich de omheining van prikkeldraad, die aantoonde,
-dat zij zich nog niet van Yarrahappini verwijderd hadden; verder op
-stond de eenzame hut van een der drijvers.
-
-Zij gingen gezamenlijk naar hem toe, om hem te spreken en om zijne
-eenzame woning te zien, vóór hij zich bij de mannen met den kar zou
-gevoegd hebben.
-
-Zij kwamen in eene kleine kamer, met een grooten haard en een
-schoorsteen, waaraan een pan, een ketel, een kop en een lepel
-hingen. Er stond een leger in eenen hoek, met een paar blauwe dekens er
-op, eene houten tafel en een stoel in het midden van het vertrek. Bij
-den haard was eene ruwe kast tegen den muur bevestigd. Zij was van eene
-oude zeepkist gemaakt, en bestemd, om levensmiddelen te bergen. Aan
-een spijker in de lage zoldering hing een zak van muskietengaas,
-en de gonzende vliegen, die hem omgaven, gaven te kennen, dat hij
-vleesch bevatte. De muren waren behangen met menig nummer van Het
-geïllustreerde Nieuwsblad van Sydney en De Courant voor Stad en Land,
-een courant van een maand oud lag op den stoel, waar de eigenaar hem
-had neergeworpen.
-
-De drijver was eene studie in bruine tinten: bruine, droomerige
-oogen; bruin, stoffig haar; eene bruine, door de zon uitgedroogde
-en verschrompelde huid, een bruine, onverzorgde baard, eene bruine
-broek van geribd fluweel, en eene bruine jas.
-
-Zijne pijp was evenwel zwart--zij zag er uit, alsof zij minstens
-twintig jaar was gebruikt geworden.
-
-"Zou u niet liever dichter bij het woonhuis willen zijn?" vraagde
-Meg. "Is het hier niet eenzaam?"
-
-"Daar merk ik niets van," zeide de bruine man tot zijne pijp of
-zijn baard.
-
-"Wat voer je wel uit als je niet in de velden bent?" vraagde Pip.
-
-"Rooken," zeide de man.
-
-"Maar Zondags, en 's avonds?"
-
-"Rooken," zeide hij.
-
-"Op Kerstdag," zeide Baby, vooruitdringend om dezen vreemden man te
-zien, "wat doet u dan?"
-
-"Rooken," antwoordde hij.
-
-Judy wenschte te weten hoe lang hij in het kleine huis gewoond had,
-en allen stonden versteld toen zij hoorden, dat hij zeven jaar lang
-daarin den meesten tijd had doorgebracht.
-
-"Verleer je wel eens niet het praten?" zeide zij met eene stem,
-waaruit schrik en verbazing spraken.
-
-Maar hij antwoordde kalm zijn baard dat er toch altijd de kat was.
-
-Baby had haar reeds gevonden onder de petroleum-aetherkan, die als
-emmer dienst deed, en het dier had haar op drie plaatsen gekrabd:
-bruin, als haar baas, had zij kwaardaardige oogen, groote snorren en
-was mager als een hout; maar eene genegenheid, die reeds jaren bestond,
-verbond die beiden.
-
-Mr. Gillet deelde hem Mr. Hassal's verlangen mede, dat hij de andere
-mannen zou vergezellen en bij den boom helpen.
-
-Hij trok een bruinen hoed over zijn voorhoofd en begaf zich naar
-den ossenkar, die den kronkelenden weg opgekropen was tot bij den
-heuveltop.
-
-"Water van de ton, is dichterbij dan de rivier!" sprak hij tot zijne
-pijp voor hij heenging, en zij vonden zijn watervoorraad en vulden
-hun ketel voor den lunch.
-
-De gebraden kippen en eendvogels van mevrouw Hassal smaakten
-uitstekend, hoewel de zon haar best deed, ze zelfs op de schotels
-nog te braden. En de appeltaart en abrikozengebakjes verdwenen snel,
-en van de vruchtensalade, welke uit twee hermetisch gesloten flesschen
-te voorschijn kwam, bleef geen lepelvol over.
-
-Mr. Gillet had alles medegebracht om een meelkoek te bereiden, op
-uitdrukkelijk verzoek, en maakte na den lunch daartoe aanstalten,
-opdat zij den koek bij hun thee 's middags zouden kunnen nuttigen.
-
-De koek werd zonder twijfel bewonderenswaardig vlug klaar gemaakt.
-
-Mr. Gillet schudde eenvoudig eenig meel uit een zak op een bord,
-voegde daar een weinig zout en wat water bij; toen kneedde hij dit
-alles, vormde van het deeg een koek, en legde dezen op de asch van
-het vuur, waarna hij hem met de warme, witte asch bedekte.
-
-"Hoe vies!" zeide Nell, en trok haar mooi neusje op.
-
-Maar toen hij gaar was, en Mr. Gillet hem opnam en de asch
-verwijderde--zie! toen was hij luchtig en licht en prachtig wit.
-
-Dus aten zij hem, en spraken vol geestdrift af, bij iederen volgenden
-picnic in de grasvelden van Misrule zulk een koek te maken.
-
-Zij vulden twee borden met eetwaren en zetten deze in de kast van den
-bruinen man en Mr. Gillet legde zijne ongelezen Engelsche couranten
-op den stoel naast de kast.
-
-"Die courant is een maand oud," zeide hij, ootmoedig, ziende dat Meg
-voor de eerste maal dien dag, hem glimlachend aankeek.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XIX.
-
-EEN LICHTBLAUW HAARLINT.
-
-
- "Zij in haar maagdelijke schoonheid
- Als een heiligenbeeld zoo rein--
- Hoe zouden die smarten en zonden,
- Voor haar gevaarlijk ooit zijn?"
-
-
-Aanleiding tot de omstandigheid, dat onze aanminnige, bleeke Margaret
-karig met hare glimlachjes was geweest, had dezelfde man, die alleen
-ze miste, gegeven.
-
-Eene warme vriendschap was in deze maand ontstaan tusschen het kleine,
-bevallige meisje, dat met zulke heldere, blauwe oogen eene toekomst
-tegemoet zag, die, dit gevoelde zij, schoon moest zijn, en den man,
-welke zooveel doorleefd had, welke terug kon staren op een verleden,
-dat zwart en treurig was door zijne eigen schuld.
-
-Hij reed iederen dag met de meisjes uit, omdat mevrouw Hassal het
-niet aangenaam vond, wanneer zij verre afstanden alleen aflegden;
-en daar Judy haar paard zelden stapvoets liet loopen, en Meg het hare
-niet kon laten galoppeeren, was het natuurlijk, dat hij den geheelen
-tijd door aan de zijde der bedaarde en vreesachtige rijdster bleef.
-
-"U herinnert mij aan een zusje van mij, dat gestorven is!" zeide
-hij eens langzaam tot Meg, na een vertrouwelijk gesprek. "Misschien,
-als zij nog in leven was, zou ik nu niet zoo verachtelijk zijn!"
-
-Megs gelaat overtoog een hoogroode blos, en pijnlijk ontroerd keek
-zij voor zich. Het kwam haar vreeselijk voor, dat hij zou weten,
-dat zij niet onkundig was van zijne afdwalingen.
-
-"Wie weet, of zij niet om u lijdt!" fluisterde zij zoo zacht, dat
-hij haar nauwelijks verstaan kon, en toen deed hare vermetelheid
-haar verbleeken, en zij liet haar paard een weinig sneller loopen,
-om hare verschrikte blikken te verbergen.
-
-Op den terugweg viel het lichtblauwe haarlint, dat haar vlecht hield
-samengebonden, op den grond. Hij steeg af, en raapte het op. Meg
-strekte hare hand er naar uit, maar hij maakte den strik los, en wond
-het langzaam om zijne groote hand.
-
-"Mag ik het houden?" zeide hij met zachte stem. "Als mijn blauwe
-lint? Ik ken de voorwaarden, waartoe men zich daardoor verbindt."
-
-"Als u daaraan zou willen denken--o, als u dat wilde ..." zuchtte
-Meg meer, dan dat zij het sprak. Toen kwam Judy aangegaloppeerd,
-en zij reden alle drie naast elkander naar huis. Het maakte haar zoo
-gelukkig gedurende de warme, lange dagen, die nu volgden; voor een
-meisje, dat juist het leven binnentreedt, kan er geen reiner, dieper
-gevoel van vreugde bestaan, dan dat wat haar geschonken wordt door
-het bewustzijn, dat zij een invloed ten goede uitoefent op een man
-of eene vrouw, ouder dan zij zelve, bezoedeld en levensmoede. Arme
-kleine Meg! In hare liefelijke, zonnige droomen had zij haar grooten
-protégé gezien als wederom zijnde een man onder mannen, met opgeheven
-hoofd zijne plaats in de wereld innemende, terugkeerende naar het
-moederland en de jonkvrouw afhalende, die volgens hare vruchtbare
-verbeeldingskracht daar geduldig op hem wachtte; en, dit alles omdat
-zij, Meg Woolcot, zich zijner had aangetrokken, en hem den weg had
-gewezen, dien hij moest volgen.
-
-En toen ging zij zich in een hangmat in de veranda aan de achterzijde
-van het huis wiegen, en al hare luchtkasteelen stortten in, en kwetsten
-en verwondden haar in hun val.
-
-Achter haar bevond zich eene dichte kruipende plant, en door de takken
-en bladeren heen kon zij Tettawonga hooren praten met de keukenmeid.
-
-"Mr. Gillet weer aan den gang!" zeide hij, en grijnsde met den kant
-van zijn mond, waar de pijp niet was. Meg hief zich in doodelijken
-schrik op. Sedert zij te Yarrahappini was, had zij deze uitdrukking
-te dikwijls met betrekking tot werklieden van de bezitting hooren
-gebruiken, om niet te weten, dat daaronder een aanval van hevige
-drankzucht verstaan werd.
-
-"Goede hemel! Dat verwondert me niets!" zeide de dienstbode. "Hij is
-den laatsten tijd veel te matig geweest; ik denk, dat hij geprobeerd
-heeft nuchter te blijven zoolang de logés er zijn, maar dat kan hij
-toch niet volhouden! Wie heeft nu de sleutels?"
-
-"Mevrouw Hassal," zeide hij. "Jij haar gaan helpen--hij zal vandaag
-wel niet naar de magazijnen omzien, Mr. Gillet--hi, hi, ha, ha!"
-
-Dat was er dus met hem gebeurd in die drie dagen, gedurende welke
-zij hem niet gezien had! Zij had gehoord, dat hij in opdracht van
-Mr. Hassal naar de naastbijwonende buren gereden was, maar had er
-niet aan gedacht, dat hem zoo iets zou overkomen zijn. Den vijfden
-dag had zij hem in de verte gezien, eens, toen hij uit de magazijnen
-kwam en eens toen hij buiten zijne eigen deur stond te rooken, en
-geen van beide keeren had zij iets buitengewoons aan hem waargenomen,
-alleen misschien, dat zijne schouders iets meer gebogen waren.
-
-Den zesden dag had de picnic plaats.
-
-Even luchthartig en vroolijk als de anderen kon zij niet zijn, nu zij
-zoo teleurgesteld, nu haar vertrouwen in de menschen zoo geschokt was.
-
-Wat was hij zwak, dacht zij; hoe karakterloos! Al haar medelijden
-had plaats gemaakt voor eene jeugdige, diepe verontwaardiging.
-
-Zij had hem ternauwernood hare hand gereikt, toen zij elkander in den
-morgen ontmoet hadden, en was gedurende den langen rit opzettelijk
-koud en uit de hoogte tegen hem.
-
-Na den lunch geraakte het gezelschap verspreid. Judy nam den Generaal
-en ging met hem naar den kant der boomen; Pip en Bunby hielden zich
-bezig met sprinkhanen vangen; Baby en Nell plukten wilde bloemen. Meg
-knielde neer om de lepels en vorken in te pakken en de overgeschoten
-eetwaren weer in de manden te leggen, om ze voor de mieren te
-beveiligen.
-
-"Dat zal ik wel doen--u ziet er zoo warm uit, Miss Meg; blijf u maar
-kalm zitten!" zeide Mr. Gillet.
-
-"Dank u, ik wil het liever zelf doen," antwoordde Miss Meg, met
-ijskoude kalmte.
-
-Zij keek hem niet aan, maar hare lippen stonden zoo strak, dat hij kon
-vermoeden hoe toornig de blik harer heldere, blauwe oogen zijn moest.
-
-Hij bood niet nogmaals zijne diensten aan, maar bleef haar met eene
-raadselachtige uitdrukking op het gelaat aan zitten staren, terwijl
-zij het een en ander inpakte. Toen zij bijna gereed was, haalde hij
-iets uit zijn zak te voorschijn.
-
-"Dit moet ik u terug geven," zeide hij, en overhandigde haar het blauwe
-lint, keurig opgevouwen, maar daar, waar het gestrikt was geweest,
-kreukels vertoonende.
-
-Zij nam het aan zonder hare oogen op te slaan, verkreukelde het in
-hare hand, en stak het in haar zak.
-
-"Ik had bijna gehoopt, dat u het mij zou hebben laten behouden,
-ondanks alles"--zeide hij, "als een talisman voor de toekomst, maar
-uwe lippen zijn te streng, Miss Meg, dan dat ik deze hoop langer zou
-kunnen koesteren."
-
-"Het zou even vruchteloos zijn, als het geweest is!" antwoordde zij
-stijf. Maar hare handen bewogen zich zenuwachtig, en zij pakte de
-resten van een ham en van een confiturentaart samen in een mand.
-
-"Dus behoef ik mij geene illusies te maken?" zeide hij.
-
-"Het zou tot niets leiden!" herhaalde Meg, terwijl zij sinaasappels
-en bananen met eene verhoogde kleur opraapte.
-
-Hij begrijpt niet, hoe slecht hij geweest is, hij denkt, dat alles
-maar dadelijk vergeven en vergeten moet zijn, dacht zij.
-
-Hij ledigde langzaam den trekpot op den grond, sloot hem met zijn
-zwart geworden deksel, en bond er eene courant om heen. Toen keek
-hij weer naar haar, en de wijze, waarop haar zijdeachtig haar op haar
-voorhoofd viel, deed hem aan zijn gestorven zusje denken.
-
-"Ik smeek u mij het lint terug te geven, Miss Meg!" zeide hij.
-
-Megs hart en hoofd kampten een hevigen strijd; haar hart was gevoelig
-en warm, en zeide haar, het lint te voorschijn te halen, en het hem
-dadelijk te geven; het hoofd sprak, dat hij zwaar gezondigd had, en dat
-zij hem haar misnoegen moest laten blijken, zelfs wanneer zij hem ten
-laatste zijn verzoek zou toestaan. Het hoofd behaalde de overwinning.
-
-"Mijn invloed is klaarblijkelijk vruchteloos,--dat eindje lint zou
-in de toekomst toch niets baten!" zeide zij zeer koud.
-
-Hij leunde tegen den boom en gaapte, alsof het onderwerp hem verder
-geene belangstelling inboezemde.
-
-"U heeft gelijk!" zeide hij.
-
-Meg had min of meer een gevoel van verslagenheid.
-
-"Als u werkelijk veel aan het lint gelegen is, kan u het natuurlijk
-hebben!" zeide zij uit de hoogte.
-
-Zij nam het uit haar zak, en reikte het hem toe.
-
-Maar hij deed geene poging het aan te nemen.
-
-"Behoud het en bind er uw haar weer mede vast, juffertje!" zeide
-hij. "Inderdaad, ik geloof ook niet, dat het van eenig nut zou zijn."
-
-Meg ging met gloeiende wangen voort, alles, op te bergen, en hij
-stopte zijne pijp en rookte, en sloeg haar al dien tijd lui gade.
-
-"Het is wel vreemd," zeide hij, meer alsof hij bij zich zelf eene
-opmerking maakte, dan dat hij tot haar sprak, "maar de vrouwen,
-die er het zachtst uitzien, zijn bijna altijd het hardst."
-
-Meg opende haar mond om te spreken, maar vond geene woorden, dus
-sloot zij hem weer, en begon voor de vierde maal Mevrouw Hassal's
-vorken te tellen.
-
-"Zou u het mij kwalijk nemen, Miss Meg, als ik u een raad gaf, in
-ruil voor alles, wat u voor mij deed?" zeide hij, nam zijne pijp
-uit zijne mond en keek naar het zilveren beslag, alsof hij de daarop
-gegraveerde letters wilde ontcijferen.
-
-"Zeker niet!"
-
-Zij legde het pakje neer en keek met kalme, verwonderde oogen tot
-hem op. "Zeg wat u wil, ik zal het gaarne aanhooren."
-
-Hij ging rechtop zitten, en speelde met het uiteinde van een riem,
-terwijl hij sprak.
-
-"U heeft broers," zeide hij, "eens zullen zij dingen doen, die
-minder goed zijn,--want alleen vrouwen als u, Miss Meg, en engelen
-kunnen altijd het rechte pad blijven bewandelen. Wees niet te hard
-voor hen. Doe geene poging, om hen het onderscheid te laten merken
-tusschen uwe deugd en hunne verdorvenheid. Zij zullen het duidelijk
-genoeg zien, maar het zal hun niet aangenaam zijn, als gij er hen
-opmerkzaam op maakt. Wees vriendelijk en vergevensgezind--zij zullen
-zich zoo rampzalig gevoelen, als ge maar kunt wenschen. De wereld
-heeft een eigenaardigen afkeurenden blik, en een onuitputtelijken
-schat van liefdelooze woorden--zou men niet kunnen volstaan, met er
-haar het monopolie van te laten?"
-
-"O!" zuchtte Meg. Hare wangen waren donkerrood, en alle hoogheid was
-uit hare houding verdwenen.
-
-Hij wond met groote zorg den riem om niets en ging met zachte stem
-voort:
-
-"Veronderstel, dat Pip den een of anderen dag iets zeer verkeerds deed,
-en dat de wereld steenen op hem wierp, tot hij gewond en gebroken
-was. En veronderstel, dat hij, diep treurig, thuis kwam bij zijne
-zusters. En Meg, die alles wat slecht is, verafschuwt, werpt nog eenige
-kleine steentjes op hem, opdat de pijn hem eene les zou geven, welke
-hij niet meer zou kunnen vergeten. En Judy, die bedenkt, dat hij haar
-broer is en verdriet heeft, slaat hare armen om hem heen, en spreekt
-hem moed in, en helpt hem weer den strijd met de wereld beginnen, en
-voegt hem geen hard woord toe, noch ziet hem met een boozen blik aan,
-want zij denkt, dat die hem reeds genoeg worden toegevoegd. Welke
-zuster denkt u, Miss Meg, zal den meesten invloed hebben?"
-
-Meg's kleine, liefelijke mond trilde, hare oogen waren strak
-neergeslagen, omdat de tranen er uit zouden gesprongen zijn, als zij
-zou hebben opgekeken.
-
-"O!" zeide zij nogmaals. "O, wat ben ik slecht geweest--o!"
-
-Zij bedekte het gelaat met hare handen, want een der snel opgewelde
-tranen trilde aan hare wimpers.
-
-Mr. Gillet legde den riem en de pijp neer, en keek naar haar met een
-zachten, teederen blik.
-
-"Ik ben meer dan tweemaal zoo oud als u, Miss Meg, bijna oud genoeg om
-uw vader te zijn,--u vergeeft mij, nietwaar, dat ik u dit alles heb
-gezegd? Ik dacht aan mijn zusje, dat gestorven is. Ik had nog eene
-zuster, die was een jaar ouder, maar zij was hardvochtig--ééns maar
-ging ik naar haar toe. Zij is eene der beste vrouwen van Engeland
-nu, maar hare woorden zijn streng. Mijne kleine Miss Meg, ik kan de
-gedachte niet verdragen, dat u misschien ook hardvochtig zou worden."
-
-Dikke tranen waren tusschen de vorken gevallen. Meg schreide, omdat zij
-wel moest bedenken, welk een hatelijk schepsel zij was. Eerst had Alan
-haar de les gelezen, en over zijn zusje gesproken, en nu ook deze man.
-
-Hij gaf een verkeerden uitleg aan haar zwijgen.
-
-"Ik heb het recht niet, zoo tot u te spreken, omdat mijn leven alles
-behalve onbevlekt is geweest, dat denkt u op het oogenblik, nietwaar,
-Miss Meg?" zeide hij zeer treurig.
-
-Meg liet hare handen vallen.
-
-"O neen!" zeide zij. "O! hoe kan u op die gedachte komen? Ik vind het
-alleen zoo vreeselijk, dat ik zoo slecht geweest ben!" Zij greep in
-haar zak en nam er het lint uit.
-
-"Wil u het terugnemen?" zeide zij.--"O, neem het, ik gevoel me anders
-zoo schuldig. O, ik bid u, neem het!"
-
-Zij keek naar hem met vochtige, smeekende oogen, en strekte de hand
-met het lint naar hem toe.
-
-Hij nam het, streek het glad, en legde het in zijn zakboek.
-
-"God zegene u!" zeide hij, en de toon waarop hij deze woorden uitte,
-deed Meg snikken.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XX.
-
-JUDY.
-
-
-Over het gras vloog eene kleine, lichte gestalte, Judy in een rose
-japonnetje met hare woeste krullen dansende om haar gelaat.
-
-"Wil u zoo graag een zonnesteek krijgen--waar is dan toch uw hoed,
-Miss Judy?" vraagde Mr. Gillet.
-
-Judy schudde hare donkere haren.
-
-"Dat kan ik heusch niet zeggen," antwoordde zij,--"de Generaal wil
-eene banaan, en als jelui alle sinaasappels opgegeten hebt, bezwijk
-ik binnen de eerste vijf minuten!"
-
-Meg schoof den mand met vruchten over het servet naar haar toe,
-en beproefde hare oogen door den rand van haar hoed te verbergen.
-
-Maar Judy's schitterende, donkere kijkers hadden de vochtige wimpers
-op het eerste gezicht ontdekt.
-
-"U heeft zeker allerlei domme gedichten zitten voorlezen, waardoor Meg
-is gaan schreien!" zeide zij, met een uitdagenden blik van Mr. Gillet
-naar het boek op het gras. "U beiden moest u schamen, hoort dat
-nu thuis op een picnic? In ieder geval heeft het sinaasappelen
-uitgespaard!"
-
-Zij nam een half dozijn groote sinaasappelen uit den mand, evenals
-vier of vijf bananen, en liep met vluggen tred terug naar de boomgroep,
-waar de Generaal in zijn linnen jurkje, juist kon gezien worden.
-
-Hij zat kalm in den grond te wroeten en de aarde in zijn kleinen,
-rooden mond te stoppen, toen zij met de bananen terugkwam.
-
-Hij keek met een allerliefsten glimlach tot haar op.
-
-"Baby!" zeide zij, en wierp zich op hem in een van hare ontstuimige
-buien van teederheid--"baby!"
-
-Zij kuste hem wel vijftig maal; het gevoel van liefde, dat zij voor
-dit kleine, dikke, vuile ventje koesterde, overstelpte haar somstijds.
-
-Toen trok zij hem op hare knie en veegde met een punt van zijn jurkje
-zooveel mogelijk de aarde uit zijn mond.
-
-"Narna," zeide hij, zich losworstelende, tot hij weer op den grond
-zat; dus ontdeed zij eene groote gele banaan van de schil, en gaf
-hem die in zijne kleine hand.
-
-Hij at er iets van, en kneep de rest stijf tusschen zijne handjes,
-daarop keek hij er vol genoegen naar, hoe het moes in kleine,
-op wurmen gelijkende rolletjes tusschen zijne dikke vingertjes te
-voorschijn kwam.
-
-Toen smeerde hij het in zijn gezichtje, en wreef het zelfs over zijn
-haar, terwijl Judy met haar vijfden sinaasappel bezig was.
-
-Dus moest zij hem natuurlijk klappen geven, omdat hij zoo vies was,
-of voorwenden dit te doen, wat op hetzelfde neerkwam. En toen moest
-hij haar slaan, hetgeen niet bij voorgewende klappen bleef.
-
-Hij sloeg haar met een stok, dien hij bij zich vond, hij beukte op
-haar gezicht en rukte aan haar haar en liet zich zelf telkens op haar
-neervallen, en dit alles zoo vol ijver en met zulk een grooten ernst,
-dat zij, ook wanneer hij haar werkelijk pijn deed, niets kon doen
-dan lachen.
-
-"Dood?" zeide hij ten laatste angstig. En zij begon luid te schreien,
-het gezicht in de handen en met schokkende schouders, zooals het
-voor eene boetvaardige berouwhebbende past. En toen sloeg hij zijne
-armpjes om haar hals, en pakte haar, en zeide "Ju-Ju" met een gedempt
-stemmetje, en klopte haar op de wangen, en gaf haar wel honderd stijve,
-natte zoentjes met zijn open mondje, tot zij weer bijgekomen was.
-
-Daarop speelden zij krijgertje, en de Generaal viel wel twintig maal
-op den grond, en schramde zijne knieën en zijne handen, en hief zich
-weer op, en waggelde weer verder.
-
-Plotseling bleef Judy stil staan; een insect was bezig zich in
-haar pols te boren. Alleen de twee zwarte pooten staken nog buiten
-haar huid uit, en geruimen tijd trok zij en trok zij zonder eenig
-gevolg. Toen brak het insect in tweeën, en zij moest de eene helft
-laten waar zij was, in de hoop dat grootmama er haar later wel van
-zou kunnen bevrijden.
-
-Twee of drie minuten lang was zij bezig geweest met hare pogingen,
-om het dier te verwijderen, en toen zij opkeek was de Generaal een
-eindje verder, en liep weg zoo vlug als zijne kleine dikke beenen dit
-toelieten, altijd denkende, dat zij achter hem aan kwam. Juist, toen
-zij weer begon te loopen, keek hij om, met schitterende, ondeugend
-kijkende oogjes, en een lachend gezichtje, dat o! zoo vuil was.
-
-En toen--ach God!
-
-Het is zoo hard dit te moeten schrijven. Mijne pen vertelde tot nu
-toe slechts zonnige tafereelen, en nu!
-
-"Jij kleine ondeugd!" riep Judy, en deed, alsof zij zeer vlug
-liep. Toen scheen de geheele wereld voor hare oogen te draaien.
-
-Een boom stortte neer, een van de zware, hooge stammen, die reeds
-lang geene bladeren meer droegen. Hij had den geheelen dag staan
-wankelen, door en door vermolmd; nu kwam een windvlaag opzetten,
-die hem neerstrekte. Een woesten, schorren kreet stootte Judy uit,
-toen snelde zij voort, met uitgestrekte armen op het kleine ventje af,
-dat met lachende oogen en lippen vlak op zijn dood afliep.
-
-De slag deed de boomen rondom schudden, de lucht scheen te splijten.
-
-Zij hadden het gehoord--al de anderen--den wilden kreet, en toen het
-dreunende gekraak.
-
-Hoe trilden hunne knieën! hoe bleek waren hunne gezichten, toen zij
-allen naar de plaats, vanwaar het geluid gekomen was, snelden.
-
-Zij wentelden hem van de kleine lichaampjes af--den langen
-zilverachtigen stam, waarop de gom droog en dood in streepen
-kleefde. Judy lag met het gelaat naar den grond en uitgestrekte armen.
-
-En onder haar lag de Generaal, een beetje verdrukt, hoogst verbaasd,
-maar volkomen ongedeerd.
-
-Meg sloot hem één oogenblik in haar armen, maar zette hem toen neer,
-en voegde zich bij de anderen, die vlak om Judy stonden.
-
-O dat kleine, donkere, stille hoofd, dat onbeweeglijke lichaampje in
-zijn rose, verkreukt kleedje, die kleine, magere, uitgestrekte handen!
-
-"Judy!" zeide Pip, met smeekende, hevig angstige stem.
-
-Maar het eenige antwoord was de wind in de kronen der boomen en de
-hijgende ademhaling der anderen.
-
-Mr. Gillet begreep, dat hij handelend op moest treden. Hij ging met
-Pip naar de hut van den drijver, en zij namen de deur uit hare lederen
-hengsels en droegen deze de heuvel af.
-
-"Ik zal haar optillen," zeide hij, en sloeg zijne armen om de kleine
-gestalte, lichtte haar langzaam, langzaam, zachtjes op, en legde haar
-op de deur met het gelaat naar den hemel gericht.
-
-Maar zij kreunde--o, hoe kreunde zij!
-
-Pip, die, bij het eerste teeken van leven zijn keel als het ware had
-voelen dichtknijpen, kon zich bijna niet meer goed houden, toen deze
-korte, jammerende tonen over hare lippen kwamen.
-
-Zij hieven de draagbaar op, en brachten haar naar de kleine hut op
-den top van den heuvel.
-
-En toen sprak Mr. Gillet, buiten de deur, tot Pip en Meg, die beiden
-verslagen, door den schrik geheel verdoofd, schenen.
-
-"Het zal uren duren, voor wij hulp kunnen krijgen, en het is nu vijf
-uur!" zeide hij. "Pip, er woont een dokter te Boolagri, tien mijlen
-van hier. Haal hem--loop den geheelen weg door hard. Ik zal terug
-naar huis gaan--dat is veertien mijlen. Miss Meg, ik kan niet in
-een ommezien terugzijn. Ik zal een rijtuig halen, de ossenkar gaat
-te langzaam, en schudt te veel, hij kan niet dienen, ook al kwam hij
-dadelijk terug, U moet bij haar blijven, en haar water geven als zij
-daarom vraagt--dat is alles wat u voor haar doen kan."
-
-"Zou zij dood gaan?" zeide Meg.
-
-Hij dacht aan alles wat zou kunnen gebeuren alvorens hij hulp bracht,
-en durfde haar niet onvoorbereid achterlaten.
-
-"Ik denk, dat haar ruggegraat gebroken is," zeide hij zeer kalm. "Als
-dit zoo is, dan is er geene hoop meer."
-
-Pip snelde den weg op, waarlangs hij den dokter bereiken kon.
-
-Mr. Gillet gaf nog een paar aanwijzingen, toen keek hij naar Meg.
-
-"Alles hangt van u af; u moet kalm en bedaard blijven!" zeide
-hij. "Verleg haar niet, blijf gedurig bij haar."
-
-Hij begaf zich naar den weg, die naar beneden leidde.
-
-Zij vloog hem achterna.
-
-"Zou zij sterven terwijl u weg is?--en er niemand anders dan ik bij
-haar blijft?"
-
-Hare oogen staarden hem woest, vol doodelijken angst aan.
-
-"God weet het!" zeide hij, en ging verder.
-
-Het kwam hem bijna te wreed voor, het jonge meisje alleen achter te
-laten, haar alleen zulke vreeselijke uren te laten doorbrengen.
-
-"Help mij, goede God!" steunde zij, terwijl zij terugijlde, maar niet
-naar de zware, laaghangende wolken keek. "Help mij, goede God! God,
-help mij, help mij!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XXI.
-
-TOEN DE ZON ONDERGING.
-
-
-Welk een zonsondergang!
-
-Van af den voet van den met gras begroeiden heuvel strekte zich een
-vurig roode hemel uit, met purperen donzige wolken, die in banken
-boven elkaar gestapeld waren, tot waar de wegstervende gloed in het
-verbleekende blauw wegsmolt. De boomgroep was zwart van kleur geworden,
-en strekte sombere, roerlooze, scherp tegen den oranjekleurigen
-achtergrond uitkomende armen uit. De wind was geheel gaan liggen,
-en de lucht drukte op alles, warm en bezwaard met de beklemmende
-vreemde stilte van het bosch.
-
-En op den top van den heuvel, in de deur van de kleine, bruine hut,
-hare wijdgeopende oogen naar den heerlijk schoonen hemel geslagen,
-lag Judy te sterven. Zij was nu zeer rustig, hoewel zij druk gesproken
-had--gesproken over allerlei. Zij zeide hun, dat zij volstrekt geene
-pijn had.
-
-"Maar ik zal sterven, als ik opgelicht word," zeide zij.
-
-Meg zat naast haar, neergehurkt op den grond. Zij had hare oogen
-niet van het gezichtje afgewend, dat daar lag op een kussen van
-regenmantels, zij had hare bleeke lippen geen enkele maal geopend om
-een woord te zeggen.
-
-Daarbuiten stonden onbeweeglijk de ossen en hunne gestalten teekenden
-zich tegen den hemel af.--Judy zeide, dat zij er uit zagen als
-opgezette dieren, die gephotografeerd moesten worden. Zij glimlachte
-daarbij even, maar Meg zeide: "O, doe dat niet!" en kromp ineen.
-
-Twee der mannen waren weggegaan, om hulp te zoeken, die zij toch niet
-zouden vinden; de anderen stonden op eenigen afstand, en praatten
-met gedempte stem tot elkander.
-
-Er was voor hen niets te doen. De bruine man had gesproken--iets wat
-zelden gebeurde.
-
-Hij had den Generaal in slaap gesust, en hem op het leger gelegd en
-de blauwe deken om hem heen geslagen. En toen had hij warme, sterke
-thee gezet, en had met tranen in zijne oogen de kinderen gevraagd,
-daarvan te drinken, maar geen enkele wilde dit doen.
-
-Baby was op den grond in slaap gevallen, hare armen stijf om Judy's
-rijglaars geslagen.
-
-Bunby stond, met eene uitdrukking van ontzetting op zijn bleek
-gelaat, achter de draagbaar. Zijne oogen waren op het haar van zijn
-zusje gevestigd, maar hij durfde niet naar haar gezicht kijken, uit
-angst voor wat hij daar zou zien. Nellie was geen oogenblik kalm,
-nu eens liep zij naar de haag en keek den weg af, waarover reeds de
-schaduwen van den avond zweefden, dan wierp zij zich achter de hut
-met het gelaat op den grond en riep: "Maak haar beter, God! God,
-maak haar beter, maak haar beter! O! kunt ge haar niet beter maken?"
-
-De schaduwen rondom de kleine woning namen diepere tinten aan,
-de omtrekken der buffels waren niet meer zichtbaar, slechts eene
-onduidelijke zwarte massa lag daar tusschen de hut en den hemel. Achter
-de boomen verglom het vurige schijnsel; hier en daar waren nog gele,
-lichtende vlammen, maar de gloeiende zonneschijf was weggedoken,
-en de purperen, luchtige sluier zonk in het niet.
-
-De kreet van een pluvier verbrak de stilte, wild, klagend, snijdend
-was het geluid. Meg huiverde en ging rechtop zitten. Judy's voorhoofd
-werd vochtig, zij sperde de oogen wijd open, hare lippen beefden.
-
-"Meg!" zeide zij met eene fluisterende stem, die de lucht doorkliefde;
-"o, Meg, ik ben zoo bang! Meg, ik ben zoo bang!"
-
-"God!" zeide Megs hart.
-
-"Meg, zeg iets. Meg, help mij! Wat wordt het al donker, Meg; Meg,
-ik kan niet sterven! O, waarom komen zij nog niet?"
-
-Nellie vloog weer naar de haag, om daarop te fluisteren:
-
-"Maak haar beter, God--o, ik smeek u, God!"
-
-"Meg, ik kan niets bedenken om te zeggen. Kan jij niet iets zeggen,
-Meg? Zijn er geen gebeden voor de stervenden in het gebedenboek?--Ik
-ben het vergeten. Spreek toch, Meg!"
-
-Meg's lippen bewogen, maar het was haar niet mogelijk een woord
-te uiten.
-
-"Meg, ik ben zoo bang! Ik kan aan niets anders denken, dan aan "wat
-wij eenmaal zullen ontvangen", en dat is vergiffenis, nietwaar? En in
-het Onze Vader komt ook niets voor, dat mij kan helpen. Meg, ik wilde,
-dat wij naar de Zondagsschool gegaan waren en daar van allerlei geleerd
-hadden. Wat wordt het al donker, Meg! O, Meg, houd mijne handen vast!"
-
-"In den hemel zal het--niet--donker zijn!" spraken Megs lippen.
-
-Zelfs wanneer zij iets zeggen kon, was het niets dan een gestamelden,
-vroeger gehoorden zin, dien zij murmelde.
-
-"Als er alles van goud en edelgesteenten is, dan wil ik er liever niet
-heen!" Het kind begon nu te schreien. "O, Meg, ik wil liever blijven
-leven! Hoe zou jij het vinden, Meg, om te sterven, als je nog maar
-dertien jaar bent? Hoe eenzaam zal ik zijn zonder jelui allen. O,
-Meg! o, Pip, Pip! o, Baby! Nell!"
-
-De tranen stroomden over hare wangen, hare borst hijgde.
-
-"O, zeg iets, Meg!--zeg een gezang op!--spreek toch!" De halve
-inhoud van het boek der "Oude en Nieuwe gezangen" dwarrelde door
-Megs gedachten. Welk kon zij uitkiezen, dat rust zou brengen in die
-koortsachtige oogen, die met zulk een angstigen smeekenden blik op
-haar gelaat gevestigd waren?
-
-Toen opende zij de lippen:
-
-
- ""Kom slechts tot Mij, gij moeden,
- Dan geef 'k u zoete rust
- O, gij--""
-
-
-"Ik ben niet moede, ik verlang niet naar rust!" zeide Judy, op
-jammerenden toon.
-
-En Meg begon weer:
-
-
- ""Mijn God, mijn Vader, als ik dwaal,
- Ver weg, langs 's levens doornig pad
- Leer mij dan de gelaten taal:
- Uw wil geschiede!""
-
-
-"Dat is voor oude menschen," zeide de matte, zangerige stem. "Hij
-kan niet verwachten, dat ik dit zal zeggen!"
-
-Toen herinnerde Meg zich het schoonste van alle gezangen, en zeide
-het eerste en het laatste couplet zonder een oogenblik te haperen, op:
-
-
- ""Verlaat mij niet, snel valt de avondstonde,
- De duisternis groeit aan; o Heer, verlaat mij niet.
- Als andre hulp ontbreekt, en alle bijstand vliedt,
- Helper der hulploozen, mijn God, verlaat mij niet!
-
- Houd Gij Uw kruisbeeld voor mijn brekend oog,
- Schijn door de duisternis, en richt mijn oog ten hemel!
- De dageraad breekt aan, en 't ijdele aardrijk vliedt
- In leven en in dood, o Heer, verlaat mij niet!"
-
-
-"O, en Judy, liefste, wij vergeten, dat moeder in den hemel is,
-Judy je zult niet alleen zijn! Herinner je je moeders oogen niet,
-mijn kleine Judy?"
-
-Judy werd kalm, en steeds kalmer. Zij sloot de oogen, zoodat zij de
-toenemende duisternis niet bespeuren kon.
-
-Megs armen waren om haar heen geslagen, Megs wang was tegen haar
-voorhoofd gevlijd, Nell hield hare handen vast, Baby hare voeten,
-Bunby's lippen waren op hare lokken. Zoo gingen zij met haar recht
-op de Groote Vallei af, waar zelfs geen licht is voor aarzelende
-kindervoeten.
-
-De schaduwen waren koud, en legden zich kil om hunne harten; zij konden
-den wind van de onbekende wateren op hunne voorhoofden voelen; maar
-alleen zij, die op het punt stond naar genen oever over te steken,
-hoorde het zachte geklots der golven.
-
-Juist toen het water hare voeten bespoelde vertoonde zich eene gestalte
-in de deur.
-
-"Judy!" riep eene smartelijke stem, en Pip duwde hen op zijde en viel
-naast haar neer.
-
-"Judy, Judy, Judy!"
-
-Het licht flikkerde nog eens op in hare oogen. Zij kuste hem eenmaal,
-tweemaal met hare bleeke lippen; zij gaf hem hare beide handen,
-en haar laatsten glimlach.
-
-Toen streek de wind over hen allen, en, met eene plotselinge rilling,
-ging zij heen.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XXII.
-
-HET LAATSTE HOOFDSTUK.
-
-
- "Zij scheen voor 't verdergaan des tijds
- Een wezen, niet bestand."
-
- "Zij heeft nu geen gevoel, geen kracht,
- Zij hoort, noch ziet nu meer;
- Maar wordt nu door de aardsche kracht
- Al draaiende in 't rond gebracht
- Met boom en rots en steen."
-
-
-Zij gingen weer naar huis, zes kinderen, en Esther, die voortaan
-ernstiger zou zijn, daar zij den prijs, die voor het leven van haar
-kleinen, aangebeden zoon betaald was, nimmer zou kunnen vergeten. De
-lucht van Yarrahappini scheen als een zware last op hen te drukken.
-
-Toen dus de kapitein, die ijlings uit Sydney vertrokken was om zijn
-arm klein meisje nog voor het laatst te zien, vraagde of zij liever
-naar huis zouden willen gaan, antwoordden zij allen: "Ja!"
-
-Er was een groen grasveld op den top van een heuvel achter het
-woonhuis, en een groep acacia's, nu donkergroen, maar teeder getint
-en bevallig in het voorjaar.
-
-Daar legden zij kleine Judy neer. Om het grasperk liet Mr. Hassal
-hooge, witte palen zetten; het grafje bevond zich aan den kant
-der boomen.
-
-De plek geleek op een klein kerkhof in een kinderland, waar er maar
-één gestorven was.
-
-Of op een mooi groen veld, met een klein bed.
-
-Meg was verheugd, dat de verhevenheid naar het oosten gekeerd was;
-de zon zonk achter haar weg--zoolang zij leefde kon zij niet meer naar
-de oranje en gele en purperen tinten zien, die bij zonsondergang den
-hemel kunnen kleuren. Maar ver in het oosten steeg de zon in stille
-majesteit op, en het licht kwam langzaam naar den heuveltop in teeder
-rose en trillend blauw en lichtend grijs, maar nooit in harde, gele
-vlammen, die heete tranen in de oogen doen springen.
-
-Toen zij Judy's rustplaats op den laatsten dag vaarwel zeiden, werd
-deze kalm en liefelijk door den maan beschenen.
-
-Allen plukten eenige halmpjes van de versche zoden, en gingen toen
-heen. Niemand schreide, de kalme witheid der maan, de bleeke,
-stralende sterren, de matte wind, die door de takken ruischte,
-hielden hunne tranen terug tot zij het hek achter zich gesloten en
-haar op den stillen heuveltop alleen gelaten hadden.
-
-Zij gingen terug naar Misrule, een ieder om den levensdraad weer
-op te nemen, en het weefsel voort te zetten, waaraan, God zij dank,
-moet worden gewerkt, want anders zouden dagelijks de harten breken.
-
-Meg was ouder geworden; zij zou nooit meer zóó jong zijn als zij was,
-voor die roode zonsondergang zijn beeld in haar hart grifde.
-
-In hare oogen was een dieper licht gekomen; zulke tranen, als zij
-geweend had, verhelderen het oog, tot het leven eene duidelijker,
-meer omvattende beteekenis krijgt.
-
-Nellie en zij gingen den eersten Zondag na hunne terugkomst naar de
-kerk. Aldith zat een paar banken verder, wuft als altijd, gekleed in
-een kleurig toiletje, en coquet glimlachend naar de bank der Courtney's
-kijkend, en naar de Graham's, die vlak achter dezen zaten.
-
-Wat was Meg van haar vervreemd! Het scheen jaren geleden, dat zij al
-hare aandacht aan den laatsten smaak voor hoeden gewijd had, aan den
-snit van eene robe cloche en de beste methode om de handen blank te
-maken. Jaren geleden, dat zij schuchtere pogingen had gedaan om zich
-met flirten te vermaken. Jaren geleden, bijna, dat zij op Yarrahappini
-het blauwe lint gegeven had, dat een grooteren invloed had dan zij
-ooit vermoedde.
-
-Alan keek naar haar van uit zijne bank--naar de kleine gestalte
-in het treurige zwart der rouw, naar de vlecht, die het glanzende
-haar samenvatte, maar welker eind niet meer gekruld was, naar den
-zwaarmoedigen trek om de jonge lippen, den ernst der blauwe oogen. Hij
-kon het zich bijna niet voorstellen, dat dit hetzelfde onnadenkende
-meisje was, die den brief geschreven had, en door de duisternis
-was komen sluipen om zijn weinig galanten jongeren broeder te
-ontmoeten. Hij nam hare hand in de zijne, toen de kerk uit was; zijne
-grijze oogen, die plotseling vochtig werden, vulden door hun warmen
-blik de enkele woorden van deelneming aan, die hij stamelend uitsprak.
-
-"Laten wij altijd vrienden blijven, Miss Meg!" zeide hij, toen zij
-bij het hek van Misrule afscheid namen.
-
-"Gaarne!" antwoordde Meg.
-
-En deze hartelijke, oprechte vriendschap werd van schoone beteekenis
-in hun beider leven, zij steunde Meg en maakte den jongen man zachter.
-
-Pip werd weer vroolijk en opgeruimd als vroeger, zooals het ook den
-jongen met het gevoeligste hart gaan zal, dank zij zijne jeugd; maar
-somtijds kreeg hij plotseling een aanval van zwaarmoedigheid, en dan
-verdween hij, er zich niet om bekommerende, of een spel cricket of
-voetbal in vollen gang was, of wel hij stond van tafel op, als het
-rumoer het hevigst was.
-
-Bunby vertoonde aan de wereld een even morsig gezicht als vroeger,
-en handen die zelfs nog smeriger waren, want in hem had zich in den
-laatsten tijd eene neiging tot het machinevak geopenbaard, en in zijn
-vrijen tijd maakte hij drukpersen--of wat daarvoor moest doorgaan--en
-vreeswekkende en wonderbaarlijke machines, van een oude kachel en
-eenige potten en roestige pannen, die hij voor het lot weggeworpen
-te worden, gered had.
-
-Maar hij vertelde nu niet meer zooveel leugentjes, de ondergaande
-zon had zelfs in zijn jong hart een straal geworpen, en wanneer hij
-op het punt was te zeggen: "Ik niet, ik ben het niet geweest, het
-was niet mijne schuld!" dan verrees een rijkdom van donkere krullen
-voor zijn oog, juist zooals hij ze dien avond had uitgespreid gezien,
-toen hij zijne blikken er niet van af had durven wenden.
-
-Hare beenen waren op het oogenblik een der hoofdonderwerpen van Baby's
-gedachten, want zij was juist van korte kousjes tot lange gepromoveerd,
-en allen, die zich deze gebeurtenis in hun eigen leven herinneren,
-zullen begrijpen hoe gewichtig zij voor haar was.
-
-Nell scheen iederen dag mooier te worden. Pip had de handen vol
-met zijne pogingen om haar voor inbeelding te behoeden; wanneer
-broederlijke op- en aanmerkingen iets kunnen baten, dan moet zij wel
-altijd even nederig van zich zelf gedacht hebben, als wanneer zij
-vuurrood haar en een hemelwaarts strevenden neus gehad had.
-
-Esther zeide, dat zij wenschte ergens een paar jaren te kunnen koopen,
-een ernstig uiterlijk en groote hoeveelheden waardigheid--dan zou er
-eenige kans zijn, dat Misrule eindelijk bij zijn deftigen doopnaam
-"Rivierzicht" genoemd werd.
-
-Maar vreemd genoeg scheen niemand met dien wensch in te stemmen.
-
-De kapitein rookte nooit meer zijn sigaar in de veranda op zijde van
-het huis; het slecht onderhouden grasveld deed hem altijd denken aan
-eene kleine gestalte in een rose japonnetje met een gedeukten hoed,
-die in het blakerende zonlicht stond te maaien. Judy's dood deed hem
-zijne zes overblijvende kinderen dierbaarder zijn dan ooit, maar hun
-zijne genegenheid op hartelijker wijze toonen dan vroeger--daartoe
-kon hij toch niet komen.
-
-De Generaal werd iederen dag aardiger en liever. Het is geene
-overdrijving, wanneer ik zeg, dat zij allen dit kleine wezentje in
-zijne koninklijke jonkheid aanbaden, want het leven was hem tweemaal
-geschonken geworden, en de tweede maal was het Judy's gave, en daarom
-onschatbaar.
-
-Mijne pen heeft zich moeielijk en langzaam bewogen onder het schrijven
-van deze twee laatste hoofdstukken; zij weigert licht en vrij over
-het papier te glijden, en dus zal ik haar, uit vrees u anders treurig
-te stemmen, ter zijde leggen.
-
-Een ander maal, als dit u welkom zou zijn, zal ik u gaarne van
-mijne kleine Australiërs verder vertellen, een gering aantal jaren
-overspringend.
-
-Tot dien tijd, vaarwel en tot weerziens!
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-AANTEEKENING
-
-
-[1] Naam van de vrouw van Punch (Jan Klaassen).
-
-
-
-
-
-
-End of Project Gutenberg's Zeven kleine Australiërs, by Ethel Turner
-
-*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ZEVEN KLEINE AUSTRALIËRS ***
-
-***** This file should be named 55794-0.txt or 55794-0.zip *****
-This and all associated files of various formats will be found in:
- http://www.gutenberg.org/5/5/7/9/55794/
-
-Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
-Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project
-Gutenberg.
-
-Updated editions will replace the previous one--the old editions will
-be renamed.
-
-Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright
-law means that no one owns a United States copyright in these works,
-so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the United
-States without permission and without paying copyright
-royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part
-of this license, apply to copying and distributing Project
-Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm
-concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark,
-and may not be used if you charge for the eBooks, unless you receive
-specific permission. If you do not charge anything for copies of this
-eBook, complying with the rules is very easy. You may use this eBook
-for nearly any purpose such as creation of derivative works, reports,
-performances and research. They may be modified and printed and given
-away--you may do practically ANYTHING in the United States with eBooks
-not protected by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the
-trademark license, especially commercial redistribution.
-
-START: FULL LICENSE
-
-THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
-PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
-
-To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
-distribution of electronic works, by using or distributing this work
-(or any other work associated in any way with the phrase "Project
-Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full
-Project Gutenberg-tm License available with this file or online at
-www.gutenberg.org/license.
-
-Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project
-Gutenberg-tm electronic works
-
-1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
-electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
-and accept all the terms of this license and intellectual property
-(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
-the terms of this agreement, you must cease using and return or
-destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your
-possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a
-Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound
-by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the
-person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph
-1.E.8.
-
-1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
-used on or associated in any way with an electronic work by people who
-agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
-things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
-even without complying with the full terms of this agreement. See
-paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
-Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this
-agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm
-electronic works. See paragraph 1.E below.
-
-1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the
-Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection
-of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual
-works in the collection are in the public domain in the United
-States. If an individual work is unprotected by copyright law in the
-United States and you are located in the United States, we do not
-claim a right to prevent you from copying, distributing, performing,
-displaying or creating derivative works based on the work as long as
-all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope
-that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting
-free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm
-works in compliance with the terms of this agreement for keeping the
-Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily
-comply with the terms of this agreement by keeping this work in the
-same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when
-you share it without charge with others.
-
-1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
-what you can do with this work. Copyright laws in most countries are
-in a constant state of change. If you are outside the United States,
-check the laws of your country in addition to the terms of this
-agreement before downloading, copying, displaying, performing,
-distributing or creating derivative works based on this work or any
-other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no
-representations concerning the copyright status of any work in any
-country outside the United States.
-
-1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
-
-1.E.1. The following sentence, with active links to, or other
-immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear
-prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work
-on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the
-phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed,
-performed, viewed, copied or distributed:
-
- This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and
- most other parts of the world at no cost and with almost no
- restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it
- under the terms of the Project Gutenberg License included with this
- eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the
- United States, you'll have to check the laws of the country where you
- are located before using this ebook.
-
-1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is
-derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not
-contain a notice indicating that it is posted with permission of the
-copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in
-the United States without paying any fees or charges. If you are
-redistributing or providing access to a work with the phrase "Project
-Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply
-either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or
-obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm
-trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
-with the permission of the copyright holder, your use and distribution
-must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any
-additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms
-will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works
-posted with the permission of the copyright holder found at the
-beginning of this work.
-
-1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
-License terms from this work, or any files containing a part of this
-work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
-
-1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
-electronic work, or any part of this electronic work, without
-prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
-active links or immediate access to the full terms of the Project
-Gutenberg-tm License.
-
-1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
-compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including
-any word processing or hypertext form. However, if you provide access
-to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format
-other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official
-version posted on the official Project Gutenberg-tm web site
-(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense
-to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means
-of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain
-Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the
-full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1.
-
-1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
-performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
-unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
-access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works
-provided that
-
-* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
- the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
- you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed
- to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has
- agreed to donate royalties under this paragraph to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid
- within 60 days following each date on which you prepare (or are
- legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty
- payments should be clearly marked as such and sent to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in
- Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg
- Literary Archive Foundation."
-
-* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
- you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
- does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
- License. You must require such a user to return or destroy all
- copies of the works possessed in a physical medium and discontinue
- all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm
- works.
-
-* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of
- any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
- electronic work is discovered and reported to you within 90 days of
- receipt of the work.
-
-* You comply with all other terms of this agreement for free
- distribution of Project Gutenberg-tm works.
-
-1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project
-Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than
-are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing
-from both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and The
-Project Gutenberg Trademark LLC, the owner of the Project Gutenberg-tm
-trademark. Contact the Foundation as set forth in Section 3 below.
-
-1.F.
-
-1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
-effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
-works not protected by U.S. copyright law in creating the Project
-Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm
-electronic works, and the medium on which they may be stored, may
-contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate
-or corrupt data, transcription errors, a copyright or other
-intellectual property infringement, a defective or damaged disk or
-other medium, a computer virus, or computer codes that damage or
-cannot be read by your equipment.
-
-1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
-of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
-Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
-Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
-liability to you for damages, costs and expenses, including legal
-fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
-LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
-PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
-TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
-LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
-INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
-DAMAGE.
-
-1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
-defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
-receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
-written explanation to the person you received the work from. If you
-received the work on a physical medium, you must return the medium
-with your written explanation. The person or entity that provided you
-with the defective work may elect to provide a replacement copy in
-lieu of a refund. If you received the work electronically, the person
-or entity providing it to you may choose to give you a second
-opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If
-the second copy is also defective, you may demand a refund in writing
-without further opportunities to fix the problem.
-
-1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
-in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO
-OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT
-LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
-
-1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
-warranties or the exclusion or limitation of certain types of
-damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement
-violates the law of the state applicable to this agreement, the
-agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or
-limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or
-unenforceability of any provision of this agreement shall not void the
-remaining provisions.
-
-1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
-trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
-providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in
-accordance with this agreement, and any volunteers associated with the
-production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm
-electronic works, harmless from all liability, costs and expenses,
-including legal fees, that arise directly or indirectly from any of
-the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this
-or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or
-additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any
-Defect you cause.
-
-Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
-
-Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
-electronic works in formats readable by the widest variety of
-computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It
-exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations
-from people in all walks of life.
-
-Volunteers and financial support to provide volunteers with the
-assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
-goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
-remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
-and permanent future for Project Gutenberg-tm and future
-generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see
-Sections 3 and 4 and the Foundation information page at
-www.gutenberg.org
-
-
-
-Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
-
-The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
-501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
-state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
-Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
-number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by
-U.S. federal laws and your state's laws.
-
-The Foundation's principal office is in Fairbanks, Alaska, with the
-mailing address: PO Box 750175, Fairbanks, AK 99775, but its
-volunteers and employees are scattered throughout numerous
-locations. Its business office is located at 809 North 1500 West, Salt
-Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up to
-date contact information can be found at the Foundation's web site and
-official page at www.gutenberg.org/contact
-
-For additional contact information:
-
- Dr. Gregory B. Newby
- Chief Executive and Director
- gbnewby@pglaf.org
-
-Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
-Literary Archive Foundation
-
-Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
-spread public support and donations to carry out its mission of
-increasing the number of public domain and licensed works that can be
-freely distributed in machine readable form accessible by the widest
-array of equipment including outdated equipment. Many small donations
-($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
-status with the IRS.
-
-The Foundation is committed to complying with the laws regulating
-charities and charitable donations in all 50 states of the United
-States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
-considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
-with these requirements. We do not solicit donations in locations
-where we have not received written confirmation of compliance. To SEND
-DONATIONS or determine the status of compliance for any particular
-state visit www.gutenberg.org/donate
-
-While we cannot and do not solicit contributions from states where we
-have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
-against accepting unsolicited donations from donors in such states who
-approach us with offers to donate.
-
-International donations are gratefully accepted, but we cannot make
-any statements concerning tax treatment of donations received from
-outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
-
-Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
-methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
-ways including checks, online payments and credit card donations. To
-donate, please visit: www.gutenberg.org/donate
-
-Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works.
-
-Professor Michael S. Hart was the originator of the Project
-Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be
-freely shared with anyone. For forty years, he produced and
-distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of
-volunteer support.
-
-Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
-editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in
-the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not
-necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper
-edition.
-
-Most people start at our Web site which has the main PG search
-facility: www.gutenberg.org
-
-This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
-including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
-subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
diff --git a/old/55794-0.zip b/old/55794-0.zip
deleted file mode 100644
index e3ac088..0000000
--- a/old/55794-0.zip
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h.zip b/old/55794-h.zip
deleted file mode 100644
index ac3ad72..0000000
--- a/old/55794-h.zip
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/55794-h.htm b/old/55794-h/55794-h.htm
deleted file mode 100644
index b3fce37..0000000
--- a/old/55794-h/55794-h.htm
+++ /dev/null
@@ -1,7367 +0,0 @@
-<!DOCTYPE html PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN"
-"http://www.w3.org/TR/html4/loose.dtd">
-<html lang="nl">
-<head>
-<meta http-equiv="content-type" content="text/html; charset=utf-8">
-<title>Zeven kleine Australiërs</title>
-
-<style type="text/css">
-
-body {
-font-family: "Times New Roman", Times, serif;
-font-size: 100%;
-line-height: 1.2em;
-text-align: left;
-}
-.div0 {
-padding-top: 5.6em;
-}
-.div1 {
-padding-top: 4.8em;
-}
-.div2 {
-padding-top: 3.6em;
-}
-.div3, .div4, .div5 {
-padding-top: 2.4em;
-}
-h1, h2, h3, h4, h5, h6, .h1, .h2, .h3, .h4 {
-clear: both;
-font-style: normal;
-text-transform: none;
-}
-h3, .h3 {
-font-size: 1.2em;
-line-height: 1.2em;
-}
-h3.label {
-font-size: 1em;
-line-height: 1.2em;
-margin-bottom: 0;
-}
-h4, .h4 {
-font-size: 1em;
-line-height: 1.2em;
-}
-.alignleft {
-text-align: left;
-}
-.alignright {
-text-align: right;
-}
-.alignblock {
-text-align: justify;
-}
-p.tb, hr.tb, .par.tb {
-margin-top: 1.6em;
-margin-bottom: 1.6em;
-margin-left: auto;
-margin-right: auto;
-text-align: center;
-}
-p.argument, p.note, p.tocArgument, .par.argument, .par.note, .par.tocArgument
-{
-font-size: 0.9em;
-line-height: 1.2em;
-text-indent: 0;
-}
-p.argument, p.tocArgument, .par.argument, .par.tocArgument {
-margin: 1.58em 10%;
-}
-.opener, .address {
-margin-top: 1.6em;
-margin-bottom: 1.6em;
-}
-.addrline {
-margin-top: 0;
-margin-bottom: 0;
-}
-.dateline {
-margin-top: 1.6em;
-margin-bottom: 1.6em;
-text-align: right;
-}
-.salute {
-margin-top: 1.6em;
-margin-left: 3.58em;
-text-indent: -2em;
-}
-.signed {
-margin-top: 1.6em;
-margin-left: 3.58em;
-text-indent: -2em;
-}
-.epigraph {
-font-size: 0.9em;
-line-height: 1.2em;
-width: 60%;
-margin-left: auto;
-}
-.epigraph span.bibl {
-display: block;
-text-align: right;
-}
-.trailer {
-clear: both;
-padding-top: 2.4em;
-padding-bottom: 1.6em;
-}
-span.abbr, abbr {
-white-space: nowrap;
-}
-span.parnum {
-font-weight: bold;
-}
-span.corr, span.gap {
-border-bottom: 1px dotted red;
-}
-span.num, span.trans, span.trans {
-border-bottom: 1px dotted gray;
-}
-span.measure {
-border-bottom: 1px dotted green;
-}
-.ex {
-letter-spacing: 0.2em;
-}
-.sc {
-font-variant: small-caps;
-}
-.uc {
-text-transform: uppercase;
-}
-.tt {
-font-family: monospace;
-}
-.underline {
-text-decoration: underline;
-}
-sup {
-line-height: 6pt;
-}
-.overline, .overtilde {
-text-decoration: overline;
-}
-.rm {
-font-style: normal;
-}
-.red {
-color: red;
-}
-hr {
-clear: both;
-height: 1px;
-margin-left: auto;
-margin-right: auto;
-margin-top: 1em;
-text-align: center;
-width: 45%;
-}
-.aligncenter {
-text-align: center;
-}
-h1, h2 {
-font-size: 1.44em;
-line-height: 1.5em;
-}
-h1.label, h2.label {
-font-size: 1.2em;
-line-height: 1.2em;
-margin-bottom: 0;
-}
-h5, h6 {
-font-size: 1em;
-font-style: italic;
-line-height: 1em;
-}
-p, .par {
-text-indent: 0;
-}
-p.firstlinecaps:first-line, .par.firstlinecaps:first-line {
-text-transform: uppercase;
-}
-.hangq {
-text-indent: -0.32em;
-}
-.hangqq {
-text-indent: -0.40em;
-}
-.hangqqq {
-text-indent: -0.71em;
-}
-p.dropcap:first-letter, .par.dropcap:first-letter {
-float: left;
-clear: left;
-margin: 0em 0.05em 0 0;
-padding: 0px;
-line-height: 0.8em;
-font-size: 420%;
-vertical-align: super;
-}
-blockquote, p.quote, div.blockquote, div.argument, .par.quote {
-font-size: 0.9em;
-line-height: 1.2em;
-margin: 1.58em 5%;
-}
-.pagenum a, a.noteref:hover, a.hidden:hover, a.hidden {
-text-decoration: none;
-}
-ul {
-list-style-type: none;
-}
-.advertisment {
-background-color: #FFFEE0;
-border: black 1px dotted;
-color: #000;
-margin: 2em 5%;
-padding: 1em;
-}
-.itemGroupTable {
-border-collapse: collapse;
-margin-left: 0;
-}
-.itemGroupTable td {
-padding: 0;
-margin: 0;
-vertical-align: middle;
-}
-.itemGroupBrace {
-padding: 0 0.5em !important;
-}
-.footnotes .body, .footnotes .div1 {
-padding: 0;
-}
-.fnarrow {
-color: #AAAAAA;
-font-weight: bold;
-text-decoration: none;
-}
-a.noteref, a.pseudonoteref {
-font-size: 80%;
-text-decoration: none;
-vertical-align: 0.25em;
-}
-.displayfootnote {
-display: none;
-}
-div.footnotes {
-font-size: 80%;
-margin-top: 1em;
-padding: 0;
-}
-hr.fnsep {
-margin-left: 0;
-margin-right: 0;
-text-align: left;
-width: 25%;
-}
-p.footnote, .par.footnote {
-margin-bottom: 0.5em;
-margin-top: 0.5em;
-}
-p.footnote .label, .par.footnote .label {
-float: left;
-width: 2em;
-height: 12pt;
-display: block;
-}
-.apparatusnote {
-text-decoration: none;
-}
-table.tocList {
-width: 100%;
-margin-left: auto;
-margin-right: auto;
-border-width: 0;
-border-collapse: collapse;
-}
-td.tocPageNum, td.tocDivNum {
-text-align: right;
-min-width: 10%;
-border-width: 0;
-}
-td.tocDivNum {
-padding-left: 0;
-padding-right: 0.5em;
-}
-td.tocPageNum {
-padding-left: 0.5em;
-padding-right: 0;
-}
-td.tocDivTitle {
-width: auto;
-}
-p.tocPart, .par.tocPart {
-margin: 1.58em 0%;
-font-variant: small-caps;
-}
-p.tocChapter, .par.tocChapter {
-margin: 1.58em 0%;
-}
-p.tocSection, .par.tocSection {
-margin: 0.7em 5%;
-}
-table.tocList td {
-vertical-align: top;
-}
-table.tocList td.tocPageNum {
-vertical-align: bottom;
-}
-table.inner {
-display: inline-table;
-border-collapse: collapse;
-width: 100%;
-}
-td.itemNum {
-text-align: right;
-min-width: 5%;
-padding-right: 0.8em;
-}
-td.innerContainer {
-padding: 0;
-margin: 0;
-}
-.index {
-font-size: 80%;
-}
-.indextoc {
-text-align: center;
-}
-.transcribernote {
-background-color: #DDE;
-border: black 1px dotted;
-color: #000;
-font-family: sans-serif;
-font-size: 80%;
-margin: 2em 5%;
-padding: 1em;
-}
-.correctiontable {
-width: 75%;
-}
-.width20 {
-width: 20%;
-}
-.width40 {
-width: 40%;
-}
-p.smallprint, li.smallprint, .par.smallprint {
-color: #666666;
-font-size: 80%;
-}
-.titlePage {
-border: #DDDDDD 2px solid;
-margin: 3em 0% 7em 0%;
-padding: 5em 10% 6em 10%;
-text-align: center;
-}
-.titlePage .docTitle {
-line-height: 3.5em;
-margin: 2em 0% 2em 0%;
-font-weight: bold;
-}
-.titlePage .docTitle .mainTitle {
-font-size: 1.8em;
-}
-.titlePage .docTitle .subTitle, .titlePage .docTitle .seriesTitle,
-.titlePage .docTitle .volumeTitle {
-font-size: 1.44em;
-}
-.titlePage .byline {
-margin: 2em 0% 2em 0%;
-font-size: 1.2em;
-line-height: 1.72em;
-}
-.titlePage .byline .docAuthor {
-font-size: 1.2em;
-font-weight: bold;
-}
-.titlePage .figure {
-margin: 2em 0% 2em 0%;
-margin-left: auto;
-margin-right: auto;
-}
-.titlePage .docImprint {
-margin: 4em 0% 0em 0%;
-font-size: 1.2em;
-line-height: 1.72em;
-}
-.titlePage .docImprint .docDate {
-font-size: 1.2em;
-font-weight: bold;
-}
-div.figure {
-text-align: center;
-}
-.figure {
-margin-left: auto;
-margin-right: auto;
-}
-.floatLeft {
-float: left;
-margin: 10px 10px 10px 0;
-}
-.floatRight {
-float: right;
-margin: 10px 0 10px 10px;
-}
-p.figureHead, .par.figureHead {
-font-size: 100%;
-text-align: center;
-}
-.figAnnotation {
-font-size: 80%;
-position: relative;
-margin: 0 auto;
-}
-.figTopLeft, .figBottomLeft {
-float: left;
-}
-.figTop, .figBottom {
-}
-.figTopRight, .figBottomRight {
-float: right;
-}
-.figure p, .figure .par {
-font-size: 80%;
-margin-top: 0;
-text-align: center;
-}
-img {
-border-width: 0;
-}
-td.galleryFigure {
-text-align: center;
-vertical-align: middle;
-}
-td.galleryCaption {
-text-align: center;
-vertical-align: top;
-}
-tr, td, th {
-vertical-align: top;
-}
-tr.bottom, td.bottom, th.bottom {
-vertical-align: bottom;
-}
-td.label, tr.label td {
-font-weight: bold;
-}
-td.unit, tr.unit td {
-font-style: italic;
-}
-span.sum {
-padding-top: 2px;
-border-top: solid black 1px;
-}
-table.borderOutside {
-border-collapse: collapse;
-}
-table.borderOutside td {
-padding-left: 4px;
-padding-right: 4px;
-}
-table.borderOutside .cellHeadTop, table.borderOutside .cellTop {
-border-top: 2px solid black;
-}
-table.borderOutside .cellHeadBottom {
-border-bottom: 1px solid black;
-}
-table.borderOutside .cellBottom {
-border-bottom: 2px solid black;
-}
-table.borderOutside .cellLeft, table.borderOutside .cellHeadLeft {
-border-left: 2px solid black;
-}
-table.borderOutside .cellRight, table.borderOutside .cellHeadRight {
-border-right: 2px solid black;
-}
-table.verticalBorderInside {
-border-collapse: collapse;
-}
-table.verticalBorderInside td {
-padding-left: 4px;
-padding-right: 4px;
-border-left: 1px solid black;
-}
-table.verticalBorderInside .cellHeadTop, table.verticalBorderInside .cellTop {
-border-top: 2px solid black;
-}
-table.verticalBorderInside .cellHeadBottom {
-border-bottom: 1px solid black;
-}
-table.verticalBorderInside .cellBottom {
-border-bottom: 2px solid black;
-}
-table.verticalBorderInside .cellLeft, table.verticalBorderInside .cellHeadLeft {
-border-left: 0px solid black;
-}
-table.borderAll {
-border-collapse: collapse;
-}
-table.borderAll td {
-padding-left: 4px;
-padding-right: 4px;
-border: 1px solid black;
-}
-table.borderAll .cellHeadTop, table.borderAll .cellTop {
-border-top: 2px solid black;
-}
-table.borderAll .cellHeadBottom {
-border-bottom: 1px solid black;
-}
-table.borderAll .cellBottom {
-border-bottom: 2px solid black;
-}
-table.borderAll .cellLeft, table.borderAll .cellHeadLeft {
-border-left: 2px solid black;
-}
-table.borderAll .cellRight, table.borderAll .cellHeadRight {
-border-right: 2px solid black;
-}
-tr.borderTop td, tr.borderTop th, th.borderTop, td.borderTop {
-border-top: 1px solid black !important;
-}
-tr.borderRight td, tr.borderRight th, th.borderRight, td.borderRight {
-border-right: 1px solid black !important;
-}
-tr.borderLeft td, tr.borderLeft th, th.borderLeft, td.borderLeft {
-border-left: 1px solid black !important;
-}
-tr.borderBottom td, tr.borderBottom th, th.borderBottom, td.borderBottom {
-border-bottom: 1px solid black !important;
-}
-tr.borderHorizontal td, tr.borderHorizontal th, th.borderHorizontal, td.borderHorizontal {
-border-top: 1px solid black !important;
-border-bottom: 1px solid black !important;
-}
-tr.borderVertical td, tr.borderVertical th, th.borderVertical, td.borderVertical {
-border-right: 1px solid black !important;
-border-left: 1px solid black !important;
-}
-tr.borderAll td, tr.borderAll th, th.borderAll, td.borderAll {
-border: 1px solid black !important;
-}
-tr.noBorderTop td, tr.noBorderTop th, th.noBorderTop, td.noBorderTop {
-border-top: none !important;
-}
-tr.noBorderRight td, tr.noBorderRight th, th.noBorderRight, td.noBorderRight {
-border-right: none !important;
-}
-tr.noBorderLeft td, tr.noBorderLeft th, th.noBorderLeft, td.noBorderLeft {
-border-left: none !important;
-}
-tr.noBorderBottom td, tr.noBorderBottom th, th.noBorderBottom, td.noBorderBottom {
-border-bottom: none !important;
-}
-tr.noBorderHorizontal td, tr.noBorderHorizontal th, th.noBorderHorizontal, td.noBorderHorizontal {
-border-top: none !important;
-border-bottom: none !important;
-}
-tr.noBorderVertical td, tr.noBorderVertical th, th.noBorderVertical, td.noBorderVertical {
-border-right: none !important;
-border-left: none !important;
-}
-tr.borderAll td, tr.borderAll th, th.borderAll, td.noBorderAll {
-border: none !important;
-}
-.cellDoubleUp {
-border: 0px solid black !important;
-width: 1em;
-}
-td.alignDecimalIntegerPart {
-text-align: right;
-border-right: none !important;
-padding-right: 0 !important;
-margin-right: 0 !important;
-}
-td.alignDecimalFractionPart {
-text-align: left;
-border-left: none !important;
-padding-left: 0 !important;
-margin-left: 0 !important;
-}
-td.alignDecimalNotNumber {
-text-align: center;
-}
-.lgouter {
-margin-left: auto;
-margin-right: auto;
-display: table;
-}
-.lg {
-text-align: left;
-padding: .5em 0% .5em 0%;
-}
-.lg h4, .lgouter h4 {
-font-weight: normal;
-}
-.lg .lineNum, .sp .lineNum, .lgouter .lineNum {
-color: #777;
-font-size: 90%;
-left: 16%;
-margin: 0;
-position: absolute;
-text-align: center;
-text-indent: 0;
-top: auto;
-width: 1.75em;
-}
-p.line, .par.line {
-margin: 0 0% 0 0%;
-}
-span.hemistich {
-visibility: hidden;
-}
-.verseNum {
-font-weight: bold;
-}
-.speaker {
-font-weight: bold;
-margin-bottom: 0.4em;
-}
-.sp .line {
-margin: 0 10%;
-text-align: left;
-}
-.castlist, .castitem {
-list-style-type: none;
-}
-.castGroupTable {
-border-collapse: collapse;
-}
-.castGroupTable td {
-padding: 0;
-margin: 0;
-vertical-align: middle;
-}
-.castGroupBrace {
-padding: 0 0.5em !important;
-}
-span.ditto {
-display: inline-block;
-vertical-align: middle;
-text-align: center;
-}
-span.ditto span.s {
-height: 0;
-visibility: hidden;
-line-height: 0;
-}
-span.ditto span.d {
-display: block;
-text-align: center;
-line-height: 8pt;
-}
-span.ditto span.i {
-position: relative;
-top: -2px;
-}
-body {
-padding: 1.58em 16%;
-}
-.pagenum {
-display: inline;
-font-size: 70%;
-font-style: normal;
-margin: 0;
-padding: 0;
-position: absolute;
-right: 1%;
-text-align: right;
-}
-.marginnote {
-font-size: 0.8em;
-height: 0;
-left: 1%;
-line-height: 1.2em;
-position: absolute;
-text-indent: 0;
-width: 14%;
-text-align: left;
-}
-span.tocPageNum, span.flushright {
-position: absolute;
-right: 16%;
-top: auto;
-}
-body {
-background: #FFFFFF;
-font-family: "Times New Roman", Times, serif;
-}
-body, a.hidden {
-color: black;
-}
-h1, .h1 {
-padding-bottom: 5em;
-}
-h1, h2, .h1, .h2 {
-text-align: center;
-font-variant: small-caps;
-font-weight: normal;
-}
-p.byline {
-text-align: center;
-font-style: italic;
-margin-bottom: 2em;
-}
-.figureHead, .noteref, .pseudonoteref, .marginnote, p.legend, .verseNum {
-color: #660000;
-}
-.rightnote, .pagenum, .linenum, .pagenum a {
-color: #AAAAAA;
-}
-a.hidden:hover, a.noteref:hover {
-color: red;
-}
-h1, h2, h3, h4, h5, h6 {
-font-weight: normal;
-}
-table {
-margin-left: auto;
-margin-right: auto;
-}
-.tablecaption {
-text-align: center;
-}.pagenum, .linenum {
-speak: none;
-}
-</style>
-
-<style type="text/css">
-/* CSS rules generated from @rend attributes in TEI file */
-.cover-imagewidth {
-width:514px;
-}
-.xd26e113 {
-text-align:center;
-}
-.ornament-topwidth {
-width:514px;
-}
-.ornament-bottomwidth {
-width:516px;
-}
-.frontispiecewidth {
-width:498px;
-}
-.titlepage-imagewidth {
-width:427px;
-}
-.xd26e204 {
-text-align:center; font-size:small;
-}
-.p001width {
-width:516px;
-}
-.o013width {
-width:53px;
-}
-.p014width {
-width:488px;
-}
-.o023width {
-width:126px;
-}
-.p024width {
-width:470px;
-}
-.o048width {
-width:103px;
-}
-.p049width {
-width:506px;
-}
-.p070width {
-width:477px;
-}
-.p074width {
-width:499px;
-}
-.p082width {
-width:481px;
-}
-.o095width {
-width:103px;
-}
-.p096width {
-width:483px;
-}
-.p119width {
-width:492px;
-}
-.o130width {
-width:101px;
-}
-.p131width {
-width:496px;
-}
-.xd26e2135 {
-text-indent:2em;
-}
-.o137width {
-width:104px;
-}
-.p138width {
-width:498px;
-}
-.p159width {
-width:499px;
-}
-.o187width {
-width:103px;
-}
-.p172width {
-width:482px;
-}
-.o186width {
-width:104px;
-}
-.p187width {
-width:481px;
-}
-.o201width {
-width:155px;
-}
-.p202width {
-width:503px;
-}
-.o213width {
-width:80px;
-}
-.p214width {
-width:489px;
-}
-.p230width {
-width:489px;
-}
-.p242width {
-width:496px;
-}
-.o253width {
-width:103px;
-}
-.p254width {
-width:486px;
-}
-.p272width {
-width:486px;
-}
-.o285width {
-width:104px;
-}
-.p286width {
-width:496px;
-}
-.p290width {
-width:487px;
-}
-.p295width {
-width:490px;
-}
-.xd26e4289 {
-text-indent:6em;
-}
-.p303width {
-width:491px;
-}
-</style>
-</head>
-<body>
-
-
-<pre>
-
-The Project Gutenberg EBook of Zeven kleine Australiërs, by Ethel Turner
-
-This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and most
-other parts of the world at no cost and with almost no restrictions
-whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of
-the Project Gutenberg License included with this eBook or online at
-www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you'll have
-to check the laws of the country where you are located before using this ebook.
-
-Title: Zeven kleine Australiërs
-
-Author: Ethel Turner
-
-Illustrator: A. J. Johnson
-
-Translator: Marie ten Brink
-
-Release Date: October 22, 2017 [EBook #55794]
-
-Language: Dutch
-
-Character set encoding: UTF-8
-
-*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ZEVEN KLEINE AUSTRALIËRS ***
-
-
-
-
-Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
-Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project
-Gutenberg.
-
-
-
-
-
-
-</pre>
-
-<div class="front">
-<div class="div1 cover"><span class="pagenum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divBody">
-<p class="first"></p>
-<div class="figure cover-imagewidth"><img src="images/cover.jpg" alt="Oorspronkelijke voorkant." width="514" height="720"></div>
-</div>
-</div>
-<div class="div1 frenchtitle"><span class="pagenum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divBody">
-<p class="first xd26e113">ZEVEN KLEINE AUSTRALI&Euml;RS</p>
-</div>
-</div>
-<div class="div1 advertisements"><span class="pagenum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divBody">
-<p class="first"></p>
-<div class="figure ornament-topwidth"><img src="images/ornament-top.png" alt="Ornament." width="514" height="49"></div>
-<p class="xd26e113"><i>Bij de Uitgevers dezes verschijnt mede</i>:</p>
-<p class="xd26e113"><span class="sc">Ethel Turner</span>, <i>De
-Geschiedenis van een Kind</i>.</p>
-<p class="xd26e113">Naar het Engelsch bewerkt door <span class="sc">Mevr. Willeumier</span>.</p>
-<div class="table">
-<table>
-<tr>
-<td class="cellLeft cellTop">8&deg;. Ingenaaid</td>
-<td class="cellRight cellTop">&fnof; 1.90.</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="cellLeft cellBottom">In Prachtband</td>
-<td class="cellRight cellBottom"><span class="ditto"><span class="s">&fnof;</span><span class="d"><span class="i">,,</span></span></span> 2.25.</td>
-</tr>
-</table>
-</div>
-<div class="figure ornament-bottomwidth"><img src="images/ornament-bottom.png" alt="Ornament." width="516" height="49"></div>
-</div>
-</div>
-<div class="div1 frontispiece"><span class="pagenum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divBody">
-<p class="first"></p>
-<div class="figure frontispiecewidth"><img src="images/frontispiece.jpg" alt="&ldquo;ZIJ ZIJN NU ZOO SCHOON EN NETJES&rdquo;." width="498" height="720">
-<p class="figureHead">&ldquo;ZIJ ZIJN NU ZOO SCHOON EN
-NETJES&rdquo;.</p>
-</div>
-</div>
-</div>
-<div class="div1 titlepage"><span class="pagenum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divBody">
-<p class="first"></p>
-<div class="figure titlepage-imagewidth"><img src="images/titlepage.jpg" alt="Oorspronkelijke titelpagina." width="427"
-height="720"></div>
-</div>
-</div>
-<div class="titlePage">
-<div class="byline"><span class="docAuthor"><span class="sc">Ethel
-Turner</span></span></div>
-<div class="docTitle">
-<div class="mainTitle">ZEVEN KLEINE AUSTRALI&Euml;RS</div>
-</div>
-<div class="byline">NAAR DEN 3<sup>EN</sup> DRUK UIT HET ENGELSCH
-BEWERKT<br>
-DOOR<br>
-<span class="docAuthor">MARIE TEN BRINK</span><br>
-Ge&iuml;llustreerd door <span class="sc">A. J. Johnson</span></div>
-<div class="docImprint">GOUDA<br>
-<span class="sc">G. B. van GOOR ZONEN</span></div>
-</div>
-<div class="div1 imprint"><span class="pagenum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divBody">
-<p class="first xd26e204">STOOM-SNELPERSDRUKKERIJ&mdash;KOCH &amp;
-KNUTTEL&mdash;GOUDA.</p>
-</div>
-</div>
-<div class="div1 dedication"><span class="pagenum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divBody">
-<p class="first xd26e113"><i>AAN</i></p>
-<p class="xd26e113"><i>MIJNE MOEDER.</i></p>
-<p class="xd26e113"><span class="sc">E. S. Turner</span>,</p>
-<p class="xd26e113"><span class="sc">Lindfield, Sydney</span>.
-<span class="pagenum">[<a id="xd26e224" href="#xd26e224" name="xd26e224">VII</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="toc" class="div1 contents"><span class="pagenum">[<a href="#toc">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<h2 class="main">INHOUD.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p class="first">&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">Bladz.</span></p>
-<p><a href="#preface" id="xd26e234" name="xd26e234">EEN WOORD
-VOORAF</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">XI</span></p>
-<p>HOOFDSTUK I.</p>
-<p><a href="#ch1" id="xd26e243" name="xd26e243">HOOFDZAKELIJK
-BESCHRIJVEND</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">1</span></p>
-<p>HOOFDSTUK II.</p>
-<p><a href="#ch2" id="xd26e252" name="xd26e252">GEBRADEN KIP</a>
-&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">14</span></p>
-<p>HOOFDSTUK III.</p>
-<p><a href="#ch3" id="xd26e261" name="xd26e261">DE DEUGD WORDT NIET
-ALTIJD BELOOND</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">24</span></p>
-<p>HOOFDSTUK IV.</p>
-<p><a href="#ch4" id="xd26e270" name="xd26e270">DE GENERAAL IN DE
-KAZERNE</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">49</span></p>
-<p>HOOFDSTUK V.</p>
-<p><a href="#ch5" id="xd26e280" name="xd26e280">AANSTAANDEN
-MAANDAGMORGEN</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">72</span></p>
-<p>HOOFDSTUK VI.</p>
-<p><a href="#ch6" id="xd26e289" name="xd26e289">HOE SCHOON IS DE
-LEEFTIJD VAN ZESTIEN JAAR!</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;
-<span class="tocPageNum">82</span> <span class="pagenum">[<a id="xd26e295" href="#xd26e295" name="xd26e295">VIII</a>]</span></p>
-<p>HOOFDSTUK VII.</p>
-<p><a href="#ch7" id="xd26e299" name="xd26e299">&ldquo;WAT ZEGT GE VAN
-EEN VERLIEFD HART?&rdquo;</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;
-<span class="tocPageNum">96</span></p>
-<p>HOOFDSTUK VIII.</p>
-<p><a href="#ch8" id="xd26e308" name="xd26e308">EEN CATAPULT EN EENE
-CATASTROPHE</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">119</span></p>
-<p>HOOFDSTUK IX.</p>
-<p><a href="#ch9" id="xd26e317" name="xd26e317">GEVOLGEN</a>
-&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">131</span></p>
-<p>HOOFDSTUK X.</p>
-<p><a href="#ch10" id="xd26e327" name="xd26e327">BUNBY ALS HELD</a>
-&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">138</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XI.</p>
-<p><a href="#ch11" id="xd26e336" name="xd26e336">EENE VLUCHTELING</a>
-&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">159</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XII.</p>
-<p><a href="#ch12" id="xd26e345" name="xd26e345">ZWIEP, ZWIEP!</a>
-&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">172</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XIII.</p>
-<p><a href="#ch13" id="xd26e354" name="xd26e354">ONGENOODE GASTEN</a>
-&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">187</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XIV.</p>
-<p><a href="#ch14" id="xd26e363" name="xd26e363">DE UITNOODIGING VAN
-DEN SQUATTER</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">202</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XV.</p>
-<p><a href="#ch15" id="xd26e372" name="xd26e372">DRIEHONDERD MIJLEN IN
-DEN TREIN</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">214</span> <span class="pagenum">[<a id="xd26e378" href="#xd26e378" name="xd26e378">IX</a>]</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XVI.</p>
-<p><a href="#ch16" id="xd26e383" name="xd26e383">YARRAHAPPINI</a>
-&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">230</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XVII.</p>
-<p><a href="#ch17" id="xd26e392" name="xd26e392">DE KUDDEN VAN
-YARRAHAPPINI</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">242</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XVIII.</p>
-<p><a href="#ch18" id="xd26e401" name="xd26e401">DE PICNIC TE
-KRANGI-BAHTOO</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">254</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XIX.</p>
-<p><a href="#ch19" id="xd26e410" name="xd26e410">EEN LICHTBLAUW
-HAARLINT</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">272</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XX.</p>
-<p><a href="#ch20" id="xd26e419" name="xd26e419">JUDY</a>
-&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">284</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XXI.</p>
-<p><a href="#ch21" id="xd26e429" name="xd26e429">TOEN DE ZON
-ONDERGING</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">295</span></p>
-<p>HOOFDSTUK XXII.</p>
-<p><a href="#ch22" id="xd26e438" name="xd26e438">HET LAATSTE
-HOOFDSTUK</a> &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp; <span class="tocPageNum">303</span> <span class="pagenum">[<a id="xd26e444" href="#xd26e444" name="xd26e444">XI</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="preface" class="div1 preface"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e234">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<h2 class="main">EEN WOORD VOORAF.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p class="first"><i>&ldquo;<span class="ex" lang="en">Seven little
-Australians</span>&rdquo; heeft Miss Ethel Turner het boek genoemd, dat
-thans in Nederlandsche vertaling verschijnt. &ldquo;<span class="ex">Zeven kleine Australiërs</span>&rdquo; heb ik dus boven het
-verhaal geschreven, dat de geschiedenis bevat der kinderen van den bij
-Sidney wonenden kapitein Woolcot.</i></p>
-<p><i>Steeds verdiept onze jeugd zich nog gaarne in het aangenaam,
-frisch geschreven verhaal &ldquo;<span class="ex">Helen&rsquo;s
-Kleintjes</span>&rdquo;, en zouden er wel vele jonge meisjes bij ons
-gevonden worden, die niet heerlijke uren hadden doorgebracht met het
-lezen van Louise Alcott&rsquo;s boeken? Welnu, aan allen, die in
-dergelijke lectuur genoegen scheppen, draag ik de &ldquo;<span class="ex">Zeven kleine Australiërs</span>&rdquo; op.</i> <span class="pagenum">[<a id="xd26e468" href="#xd26e468" name="xd26e468">XII</a>]</span></p>
-<p><i>Trouwens, dat men in Engeland dezelfde opvatting van Miss
-Turner&rsquo;s wijze van schrijven heeft, bewijst hetgeen een Londensch
-blad,</i> <span lang="en">The Queen</span> <i>zegt</i>:</p>
-<p>&hellip;. &ldquo;<i>het is bestemd om de harten van jong en oud te
-winnen evenals &ldquo;<span class="ex" lang="en">Helen&rsquo;s
-Babies</span>&rdquo; ze won&rdquo;, en wat de</i> Westminster Gazette
-<i>schrijft</i>:</p>
-<p>&ldquo;<i>Miss Turner is op weg om voor Australië en dan voor
-de wereld in het algemeen datgene te worden, wat de schrijfster van
-&ldquo;<span class="ex" lang="en">Little Women</span>&rdquo; gedurende
-eenige geslachten voor Amerika was, en voor kinderen zoowel als voor
-volwassenen over de geheele wereld. &ldquo;<span class="ex" lang="en">Seven little Australians</span>&rdquo; is zulk een allerliefst
-verhaal, dat wij met vreugde het vervolg hierop &ldquo;<span class="ex"
-lang="en">The Family at Misrule</span>&rdquo; begroeten. Het zijn weer
-de &ldquo;<span class="ex">zeven</span>&rdquo;, en meer dan ooit worden
-wij geboeid door hunne guitenstreken en afdwalingen en hunne goede
-daden. Wij kennen geen opwekkender, gezonder lectuur dan
-deze.</i>&rdquo;</p>
-<p><i>Miss Ethel Turner heeft dus een vervolg op haar
-&ldquo;<span class="ex" lang="en">Seven little
-Australians</span>&rdquo; geschreven, en voor al wie de geschiedenis
-van Meg, het droomerige, <span class="pagenum">[<a id="xd26e513" href="#xd26e513" name="xd26e513">XIII</a>]</span>zestienjarige meisje in wie
-zoovele goede eigenschappen sluimeren; van Pip, haar flinken broeder;
-van Judy, wier dood door zelfopoffering men niet dan met groote
-aandoening kan lezen; van Nellie, van den zwakken, helaas dikwijls
-onoprechten Bunby, van Baby en van den steeds vroolijken jongste, den
-&ldquo;Generaal&rdquo; met belangstelling heeft gelezen, zal dit eene
-welkome tijding zijn. Weldra zal ook dit vervolg in het Nederlandsch
-het licht zien.</i></p>
-<p><i>Ten slotte nog eenige aanhalingen uit beoordeelingen der
-Engelsche pers</i>: <span lang="en">The Standard</span> <i>zegt van
-Miss Turner&rsquo;s eerste werk</i>:</p>
-<p>&ldquo;<i>De bekoorlijkheid van dit boek bestaat in zijn
-eenvoudigen, gepasten stijl, in de afwisseling van ernst en luim. Wij
-aarzelen niet het de eerste plaats onder de nieuw uitgekomen boeken te
-geven.</i>&rdquo;</p>
-<p><i>In de</i> Graphic <i>leest men, dat het is</i>:</p>
-<p>&ldquo;<i>Een treffend beeld uit het kinderleven.</i>&rdquo;</p>
-<p><span lang="en">The Sketch</span> <i>zegt van Miss Turner</i>:</p>
-<p>&ldquo;<i>Zij heeft een ongeëvenaard succes met haar
-allerliefst verhaal uit het kinderleven: &ldquo;<span class="ex" lang="en">Seven <span class="pagenum">[<a id="xd26e557" href="#xd26e557"
-name="xd26e557">XIV</a>]</span>little Australians</span>&rdquo;
-behaald. Het boek heeft in Australië een buitengewonen opgang
-gemaakt, en heeft in Engeland de warme bewondering van verscheidene
-uitstekende letterkundigen verworven.</i>&rdquo;</p>
-<p><i>Moge Miss Turner&rsquo;s boek in Nederland een even goed onthaal
-vinden als in Australië en Engeland.</i></p>
-<p class="signed"><span class="sc">Marie ten Brink.</span></p>
-<p><span class="sc">Leiden.</span> <span class="pagenum">[<a id="pb1"
-href="#pb1" name="pb1">1</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-</div>
-<div class="body">
-<div id="ch1" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e243">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p001width"><img src="images/p001.jpg" alt="Thee in de Kinderkamer." width="516" height="320">
-<p class="figureHead">Thee in de Kinderkamer.</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK I.</h2>
-<h2 class="main">HOOFDZAKELIJK BESCHRIJVEND.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Alvorens gij u in deze geschiedenis gaat verdiepen, zou ik u eerst
-even willen waarschuwen.</p>
-<p>Wanneer ge u verbeeldt, dat ge zult lezen van modelkinderen, met
-misschien een er tusschen, die neiging toont, om wel eens ondeugend te
-zijn, alleen om eene leerrijke tegenstelling te vormen, dan doet gij
-beter met dit boek dadelijk op zijde te leggen en u in de
-&ldquo;Geschiedenis van den Braven Hendrik&rdquo; of een dergelijk
-standaardwerk voor de jeugd te verdiepen. Geen enkele van <span class="pagenum">[<a id="pb2" href="#pb2" name="pb2">2</a>]</span>de zeven is
-volmaakt braaf, wegens de zeer goede reden, dat Australische kinderen
-dit nooit zijn.</p>
-<p>In Engeland, in Amerika, in Afrika, in Azië, mag het jonge
-volkje toonbeelden van deugd zijn, ik weet er weinig van.</p>
-<p>Maar in Australië is een modelkind&mdash;ik zeg het niet zonder
-dankbaarheid&mdash;een onbekend verschijnsel.</p>
-<p>Het is mogelijk, dat de miasmen van de ondeugendheid zich het best
-in onze van zonnegloed doortintelde, zuivere atmospheer ontwikkelen.
-Het is mogelijk, dat land en volk gelijkelijk jong van hart zijn, en er
-geen schaduw op het gemoedsleven der kinderen geworpen wordt door de
-treurige geschiedenis van lang vervlogen jaren.</p>
-<p>Er is hier eene smeulende vonk van vroolijkheid en verzet en kwaad
-in de natuur, en daarom ook in de kinderen.</p>
-<p>Dikwijls wordt het licht dof en de schitterende tinten verwelken tot
-onzijdige kleuren in het stof en de hitte van den dag. Maar als deze
-oproerige neiging gedurende vrije dagen en schooldagen blijft
-aanhouden, dan beslissen de omstandigheden <span class="pagenum">[<a id="pb3" href="#pb3" name="pb3">3</a>]</span>alleen er
-over of de electrische vonk de weerbarstigen tot allerlei
-ongerechtigheden zal aanzetten, of de harten zal verwarmen van de
-moedige, eenvoudige, oprechte menschen die all&eacute;&eacute;n
-Australië kunnen &ldquo;groot maken&rdquo;.</p>
-<p>Maar genoeg hierover. Laat mij u vertellen van mijne zeven
-uitgelezen kinderen. Op dit oogenblik zullen zij thee gaan drinken met
-een minimum van comfort en een maximum van rumoer, dus, wanneer gij een
-oorverdoovend geraas van stemmen en een onharmonisch gerinkel met
-kopjes en schotels kunt velen, zal ik u mede naar binnen nemen en hen
-aan u voorstellen.</p>
-<p>Het theeuurtje der kinderen is meer eene Engelsche dan eene
-Australische instelling; er heerscht hier bij ons een
-vriendschappelijke geest onder ouders en kinderen, en eene volkomen
-afwezigheid van onderdanigheid aan den kant der laatsten. Zelfs in de
-voornaamste families gebeurt het zelden, dat de ouders in eenzame
-plechtstatigheid een maal gebruiken, terwijl de kinderen in eene andere
-kamer thee zonder veel meer wordt voorgezet: zij plaatsen zich allen om
-dezelfde tafel, <span class="pagenum">[<a id="pb4" href="#pb4" name="pb4">4</a>]</span>en de kinderen bedienen zich van de schotels, die
-voor allen bestemd zijn, en handhaven krachtig hun recht, aan het
-gesprek deel te nemen.</p>
-<p>Maar, wanneer nu de vader zeer lastig en min of meer prikkelbaar is,
-en zijne zeven kinderen uitstekende longen en onvermoeibare tongetjes
-hebben, is het dan niet het beste, dat elk der partijen eene
-afzonderlijke kamer heeft om de maaltijden te gebruiken?</p>
-<p>Kapitein Woolcot, de vader, had, in overeenstemming met deze
-scheiding, het dikke vilt over de vleugeldeur boven laten aanbrengen,
-maar het rumoer kwam desniettegenstaande onbezorgd in een stroom van
-vroolijke klanken naar beneden, naar de eetkamer.</p>
-<p>Het vertrek, waar de kinderen zich ophielden, was buitendien eene
-kinderkamer zonder kinderjuffrouw, en dit verklaart ten deele dezen
-toestand. Meg, de oudste, was eerst zestien; van haar kon men
-redelijkerwijze niet verwachten, dat zij veel ontzag inboezemde,
-buitendien had het slordige maar goedhartige meisje, op wie de plichten
-van kinderjuffrouw en kamermeisje rustten, zooveel te <span class="pagenum">[<a id="pb5" href="#pb5" name="pb5">5</a>]</span>doen in deze
-laatste hoedanigheid, dat de eerste er aanmerkelijk onder leed. Zij
-zorgde voor de maaltijden der kinderen, wanneer geen der kleine meisjes
-te vinden was om haar te helpen, en de kleertjes van de twee jongsten
-knoopte zij &rsquo;s morgens dicht, maar behalve dit moesten al de
-kinderen maar zien zich zelf te helpen.</p>
-<p>En de moeder? zult ge vragen.</p>
-<p>O, zij was niet ouder dan twintig&mdash;net een vroolijk, jong
-meisje, die zij allen aanbaden, en die maar heel weinig deftiger en
-maar weinig meer van een huismoedertje had dan Meg. Alleen de jongste
-van het troepje was haar kind, maar zij scheen evenveel van de andere
-zes te houden, en behandelde den jongste meer alsof het een grappig
-klein poesje dan een heusche levende baby was, en haar eigen
-kindje.</p>
-<p>Het is waar dat op Misrule&mdash;dit is de naam waaronder het huis
-in de wandeling bekend was, hoewel ik geloof dat er een andere boven
-het balkon geschilderd stond&mdash;scheen deze baby een speelpopje voor
-een ieder te zijn. De kapitein begon gewoonlijk te lachen, als hij hem
-zag, hief <span class="pagenum">[<a id="pb6" href="#pb6" name="pb6">6</a>]</span>hem hoog in de lucht, en gaf hem dan snel aan een
-ander over.</p>
-<p>De kinderen sleepten hem overal mede heen, lieten hem ontelbare
-malen vallen, vergaten zijn jasje op vochtige dagen, stopten hem goed
-in als het warm was, gaven hem de vreemdsoortigste dingen te eten, en
-toch was hij de gezondste, aardigste, tevredenste kleine man, die ooit
-op een klein dik duimpje gezogen heeft.</p>
-<p>Ook noemde men hem nooit &ldquo;baby&rdquo;; dit was de bijzondere
-naam van op &eacute;&eacute;n na het jongste. Kapitein Woolcot had
-gezegd: &ldquo;Wel zoo, is dat de generaal?&rdquo; toen het kleine,
-roode, staroogende wezentje in zijne armen werd gelegd, en deze naam
-was in dagelijksch gebruik gekomen, ofschoon ik geloof, dat de dominee
-bij de doopplechtigheid zoo iets gezegd heeft van Francis Rupert
-Burnand Woolcot.</p>
-<p>Baby was vier, en was een zacht klein dik meisje, met lieve vleiende
-maniertjes, groote glimlachende oogjes en lipjes, die tot kussen
-noodigden, als zij tenminste niet bedekt waren met jam.</p>
-<p>Had zij niet eene soort van liefhebberij gehad, <span class="pagenum">[<a id="pb7" href="#pb7" name="pb7">7</a>]</span>om den
-Generaal aan het schreien te maken, dan was zij bijna een modelkind
-geweest. Ontelbare malen was zij overvallen, terwijl zij bezig was zijn
-arme kleine borst in te drukken om hem te laten &ldquo;piepen&rdquo;,
-terwijl zij in zijne kleine armpjes kneep of aan zijn onschuldigen neus
-rukte, alleen maar om het vreemde genot te hebben van de wanhoopskreten
-te hooren, die hij dan dadelijk uitstootte. Kapitein Woolcot schreef de
-oorzaak van deze zonderlinge neiging aan het feit toe, dat het kind
-eens een log wollen lammetje gehad had, aan hetwelk het stevigste
-drukken alleen maar een zeer flauw piepend geluid had kunnen ontlokken:
-hij zeide, dat het niet anders dan natuurlijk was dat zij, nu zij iets
-had, dat zich zoo gemakkelijk indrukken liet, dit ook daarvoor
-gebruikte.</p>
-<p>Bunby was zes, en was dik en lui. Hij vond in het veld staan bij het
-cricketspel afschuwelijk, hij verfoeide zelfs het woord paardjespelen,
-en als er sprake was van eene boodschap, wel, eer iemand nog gereed was
-met te zeggen, dat hij dit of dat gaarne gehaald had, was Bunby reeds
-lang verdwenen. Hij was klein voor zijn leeftijd <span class="pagenum">[<a id="pb8" href="#pb8" name="pb8">8</a>]</span>en ik geloof
-niet, dat iemand hem ooit gezien heeft met een schoon gelaat. Zelfs in
-de kerk was alleen dat gedeelte, dat juist naar den dominee gekeerd
-was, tamelijk schoon, maar de menschen in de banken achter hem hadden
-altijd een ongestoord gezicht op de zwarte grens, die de spons niet
-overschreden had.</p>
-<p>De volgende van de rij&mdash;ik klim, zooals ge ziet, van beneden
-naar boven&mdash;was het &ldquo;pronkjuweel&rdquo; der Woolcots, zooals
-Pip, de oudste jongen, zeide. Ge hebt wel eens op Kerstmiskaartjes, die
-engeltjes met ideale kindergezichten gezien? Ik denk, dat de teekenaar
-juist van Nell gedroomd had, en toen zijn visioen onvolkomen heeft
-weergegeven. Zij was tien, was slank en sierlijk als een elfje, had
-goudachtig haar, dat in wonderschoone golven en krullen langs haar
-gezichtje hing, zachte lichtbruine oogen en een rozeknopje van een
-mondje. Zij had volstrekt geen eigendunk, daar zorgden haar broertjes
-en zusjes wel voor,&mdash;Pip zou zulk eene neiging in hare eerste
-uiting onderdrukt hebben,&mdash;maar toch, als er een mooi lintje over
-was, of <span class="pagenum">[<a id="pb9" href="#pb9" name="pb9">9</a>]</span>een lap fraai gekleurde stof juist groot genoeg voor
-een klein jurkje, d&agrave;n was het als eene van zelf sprekende zaak
-voor haar.</p>
-<p>Judy was slechts drie jaar ouder, maar vormde met haar het grootst
-mogelijke contrast. Nellie was in al hare bewegingen langzaam, en kon
-in iedere houding een waardig model voor een schilderijtje zijn. Judy
-was, geloof ik, nog nooit wandelend gezien, en zag er zelden
-teekenachtig uit. Wanneer zij niet als eene dwaze naar de plek toe
-stormde, die zij wenschte te bereiken, dan ging zij er al springende,
-dansende en huppelende heen. Zij was zeer mager, zooals gewoonlijk
-kinderen en menschen, die kwikzilver in plaats van bloed in hunne
-aderen hebben; zij had een klein, levendig, sproetig gezicht met
-schitterende donkere oogen, een kleinen, vastberaden mond, en een
-overvloed van woest, krullend donker haar, dat de plaag van haar leven
-was.</p>
-<p>Zonder twijfel was zij de lastigste van de zeven kinderen,
-waarschijnlijk omdat zij de schranderste was. Hare vernuftige invallen
-brachten hen allen telkens in verlegenheid, zij nam bedaard de
-<span class="pagenum">[<a id="pb10" href="#pb10" name="pb10">10</a>]</span>schuld van alles op zich, en menigmaal gebeurde
-het, dat de andere kinderen haar stormachtig verweten, hen tot het een
-of ander kattekwaad aangezet te hebben. Zij was &ldquo;Helen&rdquo;
-gedoopt geworden, dat in geenen deele verantwoordelijk is voor
-&ldquo;Judy&rdquo;<a class="noteref" id="xd26e651src" href="#xd26e651"
-name="xd26e651src">1</a>, maar kan men bijnamen eigenlijk wel voor iets
-verantwoordelijk stellen? Bunby zeide, dat zij zoo genoemd werd, omdat
-zij altijd haar bovenlijf voor- en achterover wierp en met hare armen
-en beenen zwaaide als de beroemde vrouw van Punch; daar mag wel iets
-van aan geweest zijn. Haar andere naam &ldquo;Fizz&rdquo; is
-gemakkelijker te begrijpen; Pip placht te zeggen, dat hij nog nooit
-gemberbier gezien had dat bruisend en borrelend half zooveel leven
-maakte als Judy.</p>
-<p>Pip heb ik nog niet aan u voorgesteld, is het wel? Hij geleek een
-weinig op Judy, maar was knapper en grooter, en hij was veertien jaar,
-en had even goed zijne eigen meening, en koesterde eene even groote
-geringschatting voor meisjes, als jongens van zijn leeftijd dit
-gewoonlijk doen. <span class="pagenum">[<a id="pb11" href="#pb11" name="pb11">11</a>]</span></p>
-<p>Meg was de oudste van de familie, en had eene mooie lange vlecht
-waaraan Bunby met het grootste genoegen kon trekken, een zacht,
-droomerig gezichtje, dat geheel bedekt was met kleine, niet leelijke
-sproeten, waarover zij menigmaal van dezen en genen iets moest
-hooren.</p>
-<p>Door de leden van het gezin werd algemeen geloofd, dat zij gedichten
-en verhalen schreef, en zelfs een dagboek hield, maar niemand had ooit
-een spoor van hare papieren gezien, zoo zorgvuldig hield zij ze in haar
-ouden blikken hoedendoos weggesloten. Hadt gij hen naar hun vader
-gevraagd, dan zouden zij u allen met grooten trots geantwoord hebben,
-dat hij &ldquo;een militair&rdquo; en door zijne bezigheden niet vaak
-thuis te vinden was. Hij begreep niets van kinderen, en was altijd aan
-het brommen over het rumoer dat zij maakten en het geld, dat zij
-kostten. Toch geloof ik, dat hij wel wat trotsch was op Pip en soms,
-als Nellie aardig aangekleed was, nam hij haar met zich mede in zijn
-dogcart.</p>
-<p>Hij had, toen hij zijn jong vrouwtje zijne woning binnenleidde, haar
-voorgesteld, hen alle zes <span class="pagenum">[<a id="pb12" href="#pb12" name="pb12">12</a>]</span>naar eene kostschool te zenden, maar
-zij had daar niets van willen hooren.</p>
-<p>Eerst hadden zij geprobeerd in de kazerne te wonen, maar na eenigen
-tijd werd in het officierskwartier een ieders verontwaardiging gewekt
-door de guitenstreken van &ldquo;die ongezeggelijke kinderen&rdquo;, en
-dus nam kapitein Woolcot een huis buiten de stad, aan de Parramatta
-gelegen, en bracht zijn gezin in eene bitter booze stemming
-daarheen.</p>
-<p>De kinderen vonden de verandering verrukkelijk, want er was eene
-groote wildernis als tuin, twee of drie grasvelden, ontelbare donkere
-hoekjes waarin men zich kon verbergen bij het verstoppertje spelen, en,
-het beste van alles, de rivier. Hun vader hield drie mooie paarden, een
-in de kazerne en een rijpaard en een goed koetspaard op Misrule; en de
-kinderen&mdash;niet dat zij dit anders zouden gewenscht
-hebben&mdash;liepen in afgedragen kleeren, waar hunne ellebogen
-doorheen keken, en op oude schoenen. Zij werden onderwezen&mdash;allen
-behalve Pip, die naar de Latijnsche school ging&mdash;door eene
-gouvernante van den <span class="pagenum">[<a id="pb13" href="#pb13"
-name="pb13">13</a>]</span>derden rang, die dagelijks bij hen kwam, en
-altijd in doodelijken angst leefde, dat hare onwetendheid door hare
-leerlingen zou ontdekt worden. Als van zelf spreekt, hadden zij haar
-reeds lang doorzien, maar deze toestand strookte volkomen met hunne
-neiging, om niet te veel tot werken aangezet te worden, en vooral niet
-te veel te moeten leeren, en dus zwegen zij hierover met de grootste
-nauwgezetheid.</p>
-<div class="figure o013width"><img src="images/o013.png" alt="Ornament." width="53" height="48"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb14" href="#pb14" name="pb14">14</a>]</span></p>
-</div>
-<div class="footnotes">
-<hr class="fnsep">
-<div class="footnote-body">
-<p class="footnote"><span class="label"><a class="noteref" id="xd26e651" href="#xd26e651src" name="xd26e651">1</a></span> Naam van de
-vrouw van Punch (Jan Klaassen).&nbsp;<a class="fnarrow" href="#xd26e651src">&uarr;</a></p>
-</div>
-</div>
-</div>
-<div id="ch2" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e252">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p014width"><img src="images/p014.jpg" alt="&ldquo;Ik dacht, dat u mij misschien ook een stukje kip zou willen geven,&rdquo; zeide zij."
-width="488" height="307">
-<p class="figureHead">&ldquo;Ik dacht, dat u mij misschien ook een
-stukje kip zou willen geven,&rdquo; zeide zij.</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK II.</h2>
-<h2 class="main">GEBRADEN KIP.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Ik hoop, dat ge nog niet geheel doof zijt geworden, want hoewel wij
-gereed zijn met voorstellen, is het theedrinken nog lang niet
-afgeloopen, en dus moeten wij nog een poosje in de kinderkamer blijven.
-Gedurende al den tijd, dat ik gepraat heb, is Pip aan het brommen
-geweest, omdat er niets bijzonders was. Het is waar, dat de tafel er
-niet zeer aanlokkelijk uitzag: het servet scheen er maar op goed geluk
-over heen geworpen, de kopjes en schotels waren <span class="pagenum">[<a id="pb15" href="#pb15" name="pb15">15</a>]</span>gebarsten en beschadigd, de thee zeer slap, en er
-was niets om te eten dan dikke boterhammen. Toch was alles als
-gewoonlijk, en ieder scheen verbaasd over Pip&rsquo;s ontboezeming.</p>
-<p>&ldquo;Vader en Esther&rdquo; (zij noemden hunne jonge stiefmoeder
-allen bij haar voornaam) &ldquo;hebben gebraden gevogelte, drie
-groenten, en vier soorten pudding,&rdquo; zeide hij boos; &ldquo;het is
-wat moois!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Maar wij hebben om &eacute;&eacute;n uur ons middageten
-gehad, Pip, en voor jou is als gewoonlijk eten bewaard,&rdquo; zeide
-Meg, terwijl zij bij de thee die zij schonk, met kwistige hand warm
-water en suiker voegde.</p>
-<p>&ldquo;Schapenvleesch en wortelen en rijstpudding!&rdquo; antwoordde
-haar broeder verdrietig: &ldquo;Waarom krijgen <i>wij</i> geen gebraden
-gevogelte en vlade en dessert?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ja, waarom krijgen wij daar niets van?&rdquo; klonk als echo
-de stem van de kleine gulzige Bunby, terwijl zijne oogen begonnen te
-schitteren.</p>
-<p>&ldquo;Wat zou er dan veel moeten zijn voor ons allen!&rdquo; zeide
-Meg, blijmoedig het mes in het groote brood zettende. <span class="pagenum">[<a id="pb16" href="#pb16" name="pb16">16</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Wij zijn maar kinderen&mdash;laten wij dankbaar zijn voor
-deze heerlijke dikke boterhammen en dezen overvloed van zachte
-boter!&rdquo; zeide Judy, met een wijs gezichtje.</p>
-<p>Pip schoof zijn stoel van de tafel af.</p>
-<p>&ldquo;Ik ga naar beneden en vraag om een stukje kip!&rdquo; zeide
-hij met een vastberaden blik. &ldquo;Ik ruik nog den geheelen tijd den
-heerlijken geur er van, en er staat een massa op de tafel, ik heb het
-door een kier van de deur gezien.&rdquo;</p>
-<p>Hij nam zijn bord, liep naar beneden, en kwam weldra, tot een ieders
-verwondering, met eene groote portie terug.</p>
-<p>&ldquo;Hij kon mij niet best afschepen,&rdquo; grinnikte hij.
-&ldquo;Kolonel Bryant is ten eten; maar hij keek wel een beetje
-woedend,&mdash;hier, Fizz, ik zal met je deelen.&rdquo;</p>
-<p>Judy schoof haar bord gretig bij, toen haar dit ongewoon
-grootmoedige aanbod gedaan werd, en ontving een heel klein stukje, een
-vijfde deel, met groote dankbaarheid.</p>
-<p>&ldquo;Ik houd zoo bijzonder veel van kip!&rdquo; zeide Nell
-smachtend. &ldquo;Ik heb grooten lust om naar <span class="pagenum">[<a id="pb17" href="#pb17" name="pb17">17</a>]</span>beneden
-te gaan en om een boutje te vragen&mdash;ik geloof, dat hij het mij wel
-zal geven.&rdquo;</p>
-<p>Deze oneerbiedige kinderen zeiden, zooals ge reeds zult gemerkt
-hebben, van hun vader sprekende altijd &ldquo;hij.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ja, doe dat!&rdquo; zeide Pip, en er schitterde iets in zijne
-oogen.</p>
-<p>Nell nam een ander bord, en vertrok langzaam naar de lagere
-gewesten. Zij liep de eetkamer binnen onmiddellijk achter het
-dienstmeisje, en stond naast haar vader, haar bord achter zich
-houdend.</p>
-<p>&ldquo;Wel, kleine meid, wil je mij niet een handje geven? Hoe heet
-je?&rdquo; zeide kolonel Bryant, en klopte haar vriendelijk op de
-wang.</p>
-<p>Nell keek op met een schuwen, lieftalligen blik.</p>
-<p>&ldquo;Elinor Woolcot, maar iedereen noemt mij Nell,&rdquo; zeide
-zij, en stak hare linker hand uit, daar de rechter het bord
-vasthield.</p>
-<p>&ldquo;Wel Nell, zijn dat nu manieren!&rdquo; sprak haar vader
-lachend, maar hij zag haar een oogenblik ontevreden aan. &ldquo;Waar is
-je rechter hand?&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb18" href="#pb18" name="pb18">18</a>]</span></p>
-<p>Zij nam haar arm langzaam van haar rug weg en toonde het oude,
-gebarsten bord. &ldquo;Ik dacht, dat u mij misschien ook een stukje kip
-zou willen geven,&rdquo; zeide zij,&mdash;&ldquo;met een pootje of een
-vleugel of een stukje wit vleesch zou ik al blij zijn.&rdquo;</p>
-<p>De kapitein fronste zijn voorhoofd. &ldquo;Wat beduidt dat! Pip is
-zooeven ook hier geweest. Hebben jelui niets te eten in de
-kinderkamer?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Alleen heel dikke boterhammen!&rdquo; zuchtte Nellie. Esther
-onderdrukte met moeite een glimlach.</p>
-<p>&ldquo;Maar jelui hebt je middageten gehad om &eacute;&eacute;n
-uur!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Schapenvleesch en wortelen en rijstpudding!&rdquo; zeide
-Nellie treurig.</p>
-<p>Kapitein Woolcot nam bijna toornig een kippebout en legde hem op
-haar bord.</p>
-<p>&ldquo;Ga nu heen! Ik begrijp niet, wat jelui beiden van avond
-hebt!&rdquo;</p>
-<p>Nellie was reeds bij de deur gekomen, en keerde toen weer terug.</p>
-<p>&ldquo;Zou u mij niet een vleugel voor Meg willen geven? Judy heeft
-wat van Pip gekregen, maar <span class="pagenum">[<a id="pb19" href="#pb19" name="pb19">19</a>]</span>Meg heeft niets!&rdquo; zeide zij,
-met zulk een smeekenden, ongelukkigen blik, dat kolonel Bryant er
-geheel door getroffen werd.</p>
-<p>Haar vader beet zich op de lip, hakte met onheilspellend stilzwijgen
-een vleugel af, en legde dien op haar bord.</p>
-<p>&ldquo;Nu, ga nu heen, en laat ik verder geen last meer van je
-hebben, lieve kind!&rdquo; De laatste woorden werden met groote
-zelfbeheersching uitgesproken. Nell&rsquo;s verschijning in de
-kinderkamer met twee porties kip werd met uitbundige juichkreten
-begroet. Meg was opgetogen over haar deel, sneed een stukje er af voor
-Baby, en het maal werd vroolijk voortgezet.</p>
-<p>&ldquo;Waar is Bunby?&rdquo; zeide Nell opeens, met een zeer schoon
-afgekluifd beentje tusschen haar vingers, &ldquo;ik hoop toch maar, dat
-hij ook niet naar beneden gegaan is; ik geloof heusch, dat vader het
-toch niet aardig vond, vooral omdat die vreemde man er bij
-was.&rdquo;</p>
-<p>Maar deze kleine heer had dat werkelijk gedaan, en kwam, geheel uit
-het veld geslagen terug.</p>
-<p>&ldquo;Hij wilde mij niets geven,&mdash;hij zeide mij, <span class="pagenum">[<a id="pb20" href="#pb20" name="pb20">20</a>]</span>dat ik
-weg moest gaan, en die vreemde man lachte, en Esther zeide, dat wij
-heel ondeugend waren,&mdash;maar ik heb toch een paar gebakken
-aardappels van de tafel buiten de deur kunnen nemen.&rdquo;</p>
-<p>Hij opende zijne vuile handjes en liet de onsmakelijke lekkernij op
-het servet vallen.</p>
-<p>&ldquo;Bunby, je bent een kleine vuilpoets,&rdquo; zuchtte Meg,
-terwijl zij van haar boek opzag. Zij las altijd gedurende de
-maaltijden, en van het verhaal, waar zij nu aan bezig was, waren een
-paar hoogst beschaafde, uiterst elegante jonge meisjes de
-heldinnen.</p>
-<p>&ldquo;Je bent zelf een vuilpoets! Jelui hebt allemaal kip gehad
-behalve ik, akelige kinderen!&rdquo; antwoordde Bunby kribbig, en at
-met groote haast zijne aardappels op.</p>
-<p>&ldquo;Neen de Generaal heeft niets gehad!&rdquo; zeide Judy, en uit
-hare donkere oogen keek met eene plotselinge flikkering al hare oude
-ondeugendheid.</p>
-<p>&ldquo;Nu, nu Judy!&rdquo; zeide Meg waarschuwend; zij wist maar al
-te goed wat die flikkering beduidde. <span class="pagenum">[<a id="pb21" href="#pb21" name="pb21">21</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;O, ik zal je geen kwaad doen, lieve oudste zuster!&rdquo;
-zeide mejuffrouw Judy, terwijl zij door de kamer danste en in het
-voorbijgaan Meg een tikje op het hoofd gaf. &ldquo;Ik wilde alleen maar
-zorgen, dat die arme kleine Generaal ook een beetje plezier
-heeft!&rdquo;</p>
-<p>Zij tilde hem uit zijne hoogen stoel, waarin hij aan de tafel
-gegeten had, hard op het blad slaande met een lepel, en suiker etende
-in de tusschenpoozen.</p>
-<p>&ldquo;Nu zal je eens wat beleven, mijn Generaaltje!&rdquo; zeide
-zij; en sprong met hem naar de deur.</p>
-<p>&ldquo;O, Judy, wat ga je nu beginnen?&rdquo; riep Meg klagend.</p>
-<p>&ldquo;Ju-Ju!&rdquo; kraaide de Generaal, terwijl hij bijna uit
-Judy&rsquo;s armen gleed, en hem een voorgevoel van pret
-doorstraalde.</p>
-<p>Zij gingen de trap af, de andere vijf hen achterna om vooral niets
-te verliezen, van wat er gebeuren zou. Judy ging met hem op de onderste
-trede zitten.</p>
-<p>&ldquo;Houdt mijn kleine vent wel van kippen, lieve
-kippetjes?&rdquo; zeide zij arglistig.</p>
-<p>&ldquo;Kip, kip! Kip, kip!&rdquo; stootte hij uit, en keek
-<span class="pagenum">[<a id="pb22" href="#pb22" name="pb22">22</a>]</span>om <span class="corr" id="xd26e801" title="Bron: z&iuml;ch">zich</span> heen, of hij zijne vriendjes niet
-ontdekte.</p>
-<p>&ldquo;Vadertje heeft er eene heele menigte,
-z&oacute;&oacute;veel,&rdquo; zeide Judy, en zij spreidde hare armen
-wijd uit, om een denkbeeld te geven van het aantal, dat in haar vaders
-bezit was. &ldquo;Ga ze maar eens gauw zoeken!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Kip, kip!&rdquo; riep de Generaal verrukt, terwijl het hem
-eindelijk gelukte, op den grond te springen, &ldquo;kip, kip
-zoeken!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ga maar naar binnen!&rdquo; fluisterde Judy, hem een duwtje
-gevende, zoodat hij in de half geopende deur der eetkamer te staan
-kwam; &ldquo;vraag maar aan vader!&rdquo;</p>
-<p>Het kind kwam midden door de kamer op zijne dikke, onvaste beentjes
-aangedribbeld.</p>
-<p>&ldquo;Zijn de kinderen van avond allemaal niet wijs, Esther?&rdquo;
-zeide de kapitein, toen zijn jongste zoon zich woest aan zijn been
-vastklemde en beproefde, omhoog te klimmen.</p>
-<p>Hij keek in het kleine, vuile, ronde gezichtje. &ldquo;Wel Generaal,
-waaraan hebben wij de eer van jou tegenwoordigheid te
-danken?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Kip, kip, kip, kip!&rdquo; riep de Generaal. Hij wierp zich
-op handen en voeten, en begon kruipende <span class="pagenum">[<a id="pb23" href="#pb23" name="pb23">23</a>]</span>te zoeken naar de
-gevederde lievelingen, die volgens Judy&rsquo;s zeggen hier moesten
-zijn.</p>
-<p>Maar Esther nam de lieve, kleine booswicht met het vuile gezichtje
-op, en bracht hem, hoewel hij stevig tegenspartelde, buiten de kamer.
-Bij de trap gekomen struikelde zij bijna over de rest van het
-troepje.</p>
-<p>&ldquo;O, jelui ondeugende kinderen, jelui stoute, lastige
-kinderen!&rdquo; zeide zij, terwijl zij de hand uitstrekte om hen om de
-ooren te geven, en natuurlijk niemand raakte.</p>
-<p>Zij ging even op de benedenste trede zitten, om &eacute;&eacute;n
-oogenblik te schaterlachen, daarop gaf zij den Generaal aan Pip
-over.</p>
-<p>&ldquo;Morgen,&rdquo; zeide zij, opstaande en haastig het zware haar
-glad strijkende, waarin de handjes van den Generaal gewoeld hadden,
-&ldquo;morgen krijgen jelui allemaal met den bezemsteel!&rdquo;</p>
-<p>Zij zagen den sleep van hare geel zijden japon weer in de eetkamer
-verdwijnen, en gingen langzaam naar de kinderkamer terug, om verder
-thee te drinken.</p>
-<div class="figure o023width"><img src="images/o023.png" alt="Ornament." width="126" height="6"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb24" href="#pb24" name="pb24">24</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch3" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e261">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p024width"><img src="images/p024.jpg" alt="&ldquo;De kast, die nu het evenwicht verloor, viel voorover, waardoor zijn bewoner vlak voor zijn vaders voeten, en de flesschen naar alle kanten buitelden.&rdquo;"
-width="470" height="327">
-<p class="figureHead">&ldquo;De kast, die nu het evenwicht verloor,
-viel voorover, waardoor zijn bewoner vlak voor zijn vaders voeten, en
-de flesschen naar alle kanten buitelden.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK III.</h2>
-<h2 class="main">DE DEUGD WORDT NIET ALTIJD BELOOND.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Het was niet waarschijnlijk, dat zulk eene gebeurtenis zonder
-gevolgen voorbij zou gaan, maar aan den anderen kant is het ook weer
-moeielijk, zeven kinderen tegelijk te straffen. Eerst had Kapitein
-Woolcot aan Esther opgedragen om Miss Marsh, de gouvernante, te zeggen,
-dat zij hen allen tien Fransche werkwoorden moest laten leeren; maar,
-hierin had Judy gelijk, de Generaal en Baby en Bunby en Nell waren nog
-niet zoo ver, dat zij eenig begrip hadden van Fransche <span class="pagenum">[<a id="pb25" href="#pb25" name="pb25">25</a>]</span>werkwoorden, en dus zou zulk eene straf niet
-doeltreffend zijn. Het vonnis was dus tot nu toe nog niet geveld, en
-een ieder bevond zich in een onbehagelijken toestand van angstige,
-drukkende spanning.</p>
-<p>&ldquo;Jelui vader zegt, dat jelui schandelijk ondeugend
-bent!&rdquo; zeide de jonge stiefmoeder langzaam, toen zij een dag
-later in de kinderkamer in een schommelstoel zat. Zij droeg eene
-morgenjapon van witte mousseline met kersrood lint, maar op eene of
-twee plaatsen deed een speld dienst voor een knoop en de kant van den
-sleep was hier en daar afgetrapt.</p>
-<p>&ldquo;Meg, je ziet er vreeselijk slordig uit, en Judy moest zich
-schamen, zoo voor den dag te durven komen!&rdquo;</p>
-<p>Meg was gekleed in een slecht zittende, groen kasjmiren japon,
-waarvan de ellebogen versleten en het peluche op verscheidene plaatsen
-losgetornd was, terwijl Judy&rsquo;s vreeselijk nauw en verlept rose
-zephyr kleedje overal scheuren had, en de kleur nauwelijks meer te zien
-was van de vruchtenvlekken.</p>
-<p>Meg bloosde even. &ldquo;Ik weet het wel, Esther, <span class="pagenum">[<a id="pb26" href="#pb26" name="pb26">26</a>]</span>en ik
-zou ook wel graag mooi gekleed willen zijn, maar het is heusch niet de
-moeite waard, om die oude japon nog te maken.&rdquo;</p>
-<p>Zij nam het boek over de elegante jonge dames, dat hare tevreden
-stemming dreigde te verstoren, weer op, en ging er mede naar den
-armstoel.</p>
-<p>&ldquo;Judy, jij gaat die scheuren maken en zet knoopen aan je
-lijfje!&rdquo; sprak Esther met ongewone vastheid.</p>
-<p>Judy&rsquo;s oogen glinsterden en schitterden.</p>
-<p>&ldquo;Is dat een dolk, wat ik voor mij zie, en is &rsquo;t gevest
-naar mijne hand gekeerd?&rdquo; zeide zij onbeschaamd, greep een van de
-spelden van Esther&rsquo;s japon, bevestigde hem aan haar eigen
-kleedje, en maakte eene buiging.</p>
-<p>Esther kleurde nu toch even.</p>
-<p>&ldquo;Dat doet de Generaal, Judy! Hij trekt altijd aan mijne
-knoopen, als ik met hem speel! Maar, daar had ik haast wat vergeten.
-Kinderen, ik heb slecht nieuws voor jelui!&rdquo;</p>
-<p>Er ontstond eene ademlooze stilte. Allen schaarden zich om haar
-heen.</p>
-<p>&ldquo;Het vonnis is geveld!&rdquo; zeide Judy pathetisch:
-<span class="pagenum">[<a id="pb27" href="#pb27" name="pb27">27</a>]</span>&ldquo;laten wij ons de haren afsnijden en
-boetgewaden aantrekken!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Jelui vader zegt, dat hij zulk een gedrag niet ongestraft kan
-laten, en omdat jelui gisteren buitengewoon lastig geweest zijn, zullen
-jelui allen&mdash;&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Worden weggesleept en opgehangen!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Wees stil, Judy! Ik verzeker je, dat ik voor jelui gepleit
-heb, maar dit ontstemde hem nog meer. Hij zegt, dat jelui de
-slordigste, bandelooste kinderen zijn van geheel Sidney, en hij zal
-jelui iederen keer straffen, als je iets ondeugends doet,
-en&mdash;&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Daar zal geween zijn en knarsing der tanden.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ach, houd toch je mond, Judy! Wij kunnen immers niets
-verstaan!&rdquo;</p>
-<p>Pip legde zijne hand op haar mond en hield haar bij de haren vast,
-terwijl Esther hare mededeeling deed.</p>
-<p>&ldquo;Geen een van jelui gaat naar de pantomime. Er waren plaatsen
-genomen voor Donderdagavond, en nu zullen jelui allen thuis moeten
-blijven.&rdquo;</p>
-<p>Gedurende een minuut of twee weerklonk een luid gejammer. Zij hadden
-zich bijna een maand <span class="pagenum">[<a id="pb28" href="#pb28"
-name="pb28">28</a>]</span>lang op dezen uitgang verheugd, en de
-teleurstelling was voor hen allen zeer groot.</p>
-<p>&ldquo;O, Esther, dat is te erg! Alle jongens van school zijn er al
-geweest!&rdquo; Pip&rsquo;s aardige gezicht werd rood van spijt.
-&ldquo;En dat voor zoo&rsquo;n kleinigheid!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Alleen, omdat er gebraden kip voor het diner was!&rdquo;
-zeide Judy, met half verstikte stem. &ldquo;O, Esther, waarom was er
-geen rundvleesch, of paardevleesch of hippopotamusvleesch&mdash;of wat
-ook, als het maar geen gebraden kip was?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Zou je hem niet kunnen bepraten, Esther?&rdquo; Meg keek
-angstig naar haar.</p>
-<p>&ldquo;Lieve Esther, probeer het!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ja, lieve, beste Esther, probeer het!&rdquo;</p>
-<p>Zij klemden zich allen aan haar vast. Baby sloeg hare armen om haar
-hals en deed haar bijna stikken; Nell streelde hare wang; Pip klopte
-haar op den rug, en smeekte haar een lieve meid te zijn; Bunby begroef
-zijn neus in haar zwart haar en weende eene stille traan; Meg sloeg
-hare handen in een aanval van mistroostigheid ineen; de Generaal
-stootte eene serie van verrukte gilletjes <span class="pagenum">[<a id="pb29" href="#pb29" name="pb29">29</a>]</span>uit; en Judy in hare
-wanhoop kuste hem dat het klapte.</p>
-<p>Esther zou haar best doen, smeeken, als zij nog nooit gesmeekt had,
-vleien, bedelen, volhouden, dreigen; en door deze belofte
-gerustgesteld, lieten zij haar eindelijk gaan.</p>
-<p>&ldquo;Alleen raad ik jelui aan, bovennatuurlijk stil en lief te
-zijn den geheelen dag!&rdquo; zeide zij omkijkende, toen zij reeds in
-de gang was. &ldquo;Dat zal den meesten invloed hebben, vooral daar wij
-den geheelen dag thuis zijn.&rdquo;</p>
-<p>Lief! Het was werkelijk pijnlijk om de deugdzaamheid dezer kinderen
-gedurende het overige gedeelte van den dag op te merken.</p>
-<p>Zij hadden een vrijen middag, en Miss Marsh was er niet, maar geen
-enkel maal kwam het geluid van een twist, of van gelach, of van
-geschrei, naar de lagere gewesten gezweefd.</p>
-<p>&ldquo;Burgers van Rome, de oogen der wereld rusten op u!&rdquo; had
-Judy plechtig gezegd, en allen hadden beloofd zich z&oacute;&oacute; te
-gedragen, dat hun vaders hart wel moest vermurwd worden.</p>
-<p>Pip trok zijn schooljasje aan, kamde zijn haar, <span class="pagenum">[<a id="pb30" href="#pb30" name="pb30">30</a>]</span>nam een
-stapel schoolboeken, en ging naar de studeerkamer, waar zijn vader
-brieven zat te schrijven, en waar hij altijd zijn werk mocht komen
-maken.</p>
-<p>&ldquo;Wat wilde je?&rdquo; vraagde de kapitein terwijl hij zijne
-wenkbrauwen fronste. &ldquo;Je behoeft mij niet aan te komen met een
-verzoek om dien jongen hond te mogen houden&mdash;ik geef je er toch
-geene toestemming toe.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik kom om te werken, vader!&rdquo; zeide Pip ootmoedig,
-&ldquo;ik voel, dat ik wat ten achteren ben met rekenen: daarom wilde
-ik op mijne vrije middagen sommen maken, vooral daar ik u zooveel aan
-schoolgeld kost.&rdquo;</p>
-<p>De kapitein liet een zwakken uitroep hooren, en keek Pip opmerkzaam
-aan; maar het gezicht van den jongen was zoo strak en ernstig, dat hij
-ontwapend werd, en zich heimelijk gelukwenschte, dat zijn oudste zoon
-eindelijk tot inzicht kwam.</p>
-<p>&ldquo;De sommen, die ik gemaakt heb, toen ik op school ging, liggen
-in dien kast!&rdquo; zeide hij vriendelijk. &ldquo;Als ze je van eenig
-nut kunnen zijn, dan mag je ze er uit nemen.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb31" href="#pb31" name="pb31">31</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Als het u blieft&mdash;zij zullen mij zeker van groot nut
-zijn!&rdquo; zeide Pip dankbaar.</p>
-<p>Hij bladerde in de schriften en op zijn gezicht was duidelijk
-bewondering te lezen.</p>
-<p>&ldquo;Hoe netjes en nauwkeurig werkte u, vader!&rdquo; zeide hij
-met een zucht. &ldquo;Ik ben benieuwd of ik het ooit zoo ver zal
-brengen. Hoe oud was u, vader, toen u dit schreef?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ongeveer zoo oud als jij nu!&rdquo; zeide de kapitein, de
-papieren in zijne hand nemende.</p>
-<p>Hij keek ze door met zijn hoofd op &eacute;&eacute;n schouder. Hij
-was min of meer trotsch op dit werk, en zag dat hij geheel vergeten was
-hoe <span class="corr" id="xd26e948" title="Bron: dicimale">decimale</span> breuken uitgewerkt moesten worden, en
-dat hij, al had hij er zijn leven door kunnen redden, geene
-vierkantsvergelijking meer zou kunnen maken.</p>
-<p>&ldquo;In ieder geval behoeft dit je niet te ontmoedigen, Pip. Ik
-herinner mij wel, dat ik wat rekenen betreft de jongens van mijn
-leeftijd vooruit was. Wij kunnen niet allen in hetzelfde vak
-uitblinken, en ik ben blijde te zien, dat je het gewicht van het leeren
-begint te begrijpen!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ja, vader!&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb32" href="#pb32" name="pb32">32</a>]</span></p>
-<p>Meg had zich naar het salon begeven, en was gezeten op den vloer
-voor den muziekkast met schaar, vingerhoed, en eene rol smal blauw lint
-op hare knieën, terwijl alle liederen van haar vader die, zooals
-hij zoo dikwijls met leedwezen zeide, door elkaar raakten en scheurden,
-om haar heen uitgespreid lagen.</p>
-<p>Hij zag haar, toen hij de deur voorbij kwam, en keek verbaasd maar
-aangenaam verrast naar binnen.</p>
-<p>&ldquo;Wel, Margaret, dat had mijne muziek hard noodig! Ik ben blij,
-dat je je zelf nuttig kunt maken!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik doe het gaarne, vader!&rdquo;</p>
-<p>Meg naaide met grooten ijver voort.</p>
-<p>Hij ging terug naar zijne studeerkamer, waar hij in een stil,
-afgezonderd hoekje Pips hoofd tusschen pyramiden van boeken en stapels
-papier zag uitsteken. Hij schreef nog twee brieven, en toen werd er
-zacht aan de deur geklopt.</p>
-<p>&ldquo;Binnen!&rdquo; riep hij, en Nell verscheen.</p>
-<p>Zij droeg met groote voorzichtigheid een klein blaadje, waarover een
-sneeuwwit kleedje lag, en <span class="pagenum">[<a id="pb33" href="#pb33" name="pb33">33</a>]</span>waarop een glas melk en een bordje
-met moerbeziën stond. Zij zette het voor hem neer.</p>
-<p>&ldquo;Ik dacht, dat u misschien wel wat zou willen gebruiken,
-vader!&rdquo; zeide zij met een lief stemmetje; en Pip werd op eens
-gekweld door een hoestbui.</p>
-<p>&ldquo;Mijn liefste kindje!&rdquo; zeide hij.</p>
-<p>Hij keek peinzend naar het blaadje. &ldquo;Ik heb voor het laatst
-een glas melk gedronken, Nellie, toen ik zoo oud was als Pip, en op
-school ging. Ik ben er onwel van geworden, en sedert dien tijd heb ik
-nooit weer melk geproefd.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Maar deze zal u geen kwaad doen. U wil deze toch wel
-opdrinken?&rdquo;</p>
-<p>Zij keek hem met een van haar vriendelijkste blikken aan.</p>
-<p>&ldquo;Ik zou even gaarne het vatenwater uit de keuken willen
-drinken, kindlief!&rdquo; Hij nam eene moerbezie, at haar, en vertrok
-het gezicht. &ldquo;Zij zijn niet rijp genoeg om gegeten te
-worden!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Als u er maar eerst een stuk of zes gegeten heeft, merkt u
-niet meer, dat ze zuur zijn!&rdquo; zeide zij met overtuiging. Maar hij
-schoof ze op zijde. <span class="pagenum">[<a id="pb34" href="#pb34"
-name="pb34">34</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Ik wil het gaarne gelooven, als je het zegt.&rdquo; Toen keek
-hij haar onderzoekend aan. &ldquo;Hoe kwam je op de gedachte mij iets
-te brengen, Nellie? Ik herinner mij niet, dat je ooit vroeger iets
-dergelijks gedaan hebt.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik dacht, dat u wel eetlust zou krijgen, nu u hier zoo druk
-moet zitten schrijven!&rdquo; zeide zij vriendelijk; en Pip begon weer
-hevig te kuchen, en zij verdween.</p>
-<p>Buiten in den blakerenden zonneschijn was Judy bezig het grasperk te
-maaien.</p>
-<p>Zij hadden &eacute;&eacute;n knecht, en daar diens tijd zeer in
-beslag werd genomen door bezigheden in den stal, kon het niet anders,
-of de tuin moest daaronder lijden. Meer dan eens had de kapitein
-gezegd, hoe het hem hinderde, dat de grasperken er zoo verwaarloosd
-uitzagen, en dat hij zich tegenover bezoekers schaamde.</p>
-<p>En dus had Judy, een en al ijver, zich met eene buitengewoon groote
-zeis gewapend, en was tusschen het lange, lange gras ijverig aan het
-werk.</p>
-<p>&ldquo;Lieve hemel, Helen! je zult je de voeten nog
-afsnijden!&rdquo; riep haar vader verontrust. <span class="pagenum">[<a id="pb35" href="#pb35" name="pb35">35</a>]</span></p>
-<p>Hij verscheen op de veranda aan de voorzijde van het huis om na de
-moerbezie eene lichte sigaar te rooken, juist toen zij met een
-bewonderenswaardigen zwaai haar zeis een halven cirkel deed
-beschrijven, en een geheel leger van geel gehelmde paardebloemen
-<span class="corr" id="xd26e1006" title="Bron: onthoofde">onthoofdde</span>.</p>
-<p>Zij keek om, en zag hem glimlachend aan.</p>
-<p>&ldquo;O neen, vader!&mdash;ik ben een heele bolleboos in het
-maaien!&rdquo;</p>
-<p>Zij deed een tweeden, niet minder schrikwekkenden, maar krachtigen
-zwaai, en volkomen volgens de regels van de kunst.</p>
-<p>&ldquo;Daar&mdash;en daar&mdash;en daar!&rdquo;</p>
-<p>Bij het tweede &ldquo;daar&rdquo; ging een stuk van hare japon mede,
-en bij het derde stoof een gedeelte van een rozenstruik door de lucht;
-maar natuurlijk, details zijn er altijd!</p>
-<p>&ldquo;Ongelukken kunnen zelfs de beste maaiers overkomen!&rdquo;
-zeide zij wijsgeerig, en tilde de zeis op tot een nieuwen slag.</p>
-<p>&ldquo;Houd oogenblikkelijk op, Helen! Waarom kan je toch niet
-rustig met je pop spelen, en zulke gekheden nalaten?&rdquo; zeide haar
-vader boos. <span class="pagenum">[<a id="pb36" href="#pb36" name="pb36">36</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;En ik deed het nog wel om hem een genoegen te
-bereiden!&rdquo; zeide zij, oogenschijnlijk tot de paardebloemen
-sprekend.</p>
-<p>&ldquo;Je kunt wel begrijpen, dat &ldquo;het hem geen genoegen zal
-bereiden&rdquo;, als hij jou kurken beenen zal moeten geven, en den
-tuin moet laten opknappen,&rdquo; zeide haar vader droog. &ldquo;Laat
-dat nu!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Het zou wat moois zijn, om het werk halverwege te laten
-liggen&mdash;zou het grasperk er niet uitzien als een man, wiens eene
-wang geschoren was?&rdquo;</p>
-<p>Judy sprak somtijds, en ook weer nu, in Iersch dialect, om de eene
-of andere geheimzinnige reden, die haar alleen bekend was.</p>
-<p>&ldquo;En als u nu maar zoo goed zou willen zijn van hier te komen,
-en eens te zien hoe het er mede staat, dan zou het nog wel kunnen zijn,
-dat mijn maaien u niet mishaagt.&rdquo;</p>
-<p>De kapitein glimlachte even onder zijn knevel. Het kleine meisje zag
-er zoo komiek uit, zooals zij daar stond in haar oud, kort, rose
-japonnetje, een hoed met beschadigden rand op hare donkere krullen, met
-glinsterende oogen, blozende wangen, <span class="pagenum">[<a id="pb37" href="#pb37" name="pb37">37</a>]</span>de groote zeis in hare
-handen, en de uitdagende woorden op hare lippen.</p>
-<p>Hij kwam naar beneden en onderzocht haar werk: het was uitstekend
-gedaan, evenals de meeste dingen die Miss Judy ondernam&mdash;met
-inbegrip van kattekwaad, en hare kleine, met zwarte kousen bekleede
-beenen bevonden zich in den besten welstand.</p>
-<p>&ldquo;Nu, je kunt er dan mede voortgaan, vooral daar Pat het druk
-heeft. Hoe heb je leeren maaien, talentvolle jonge
-dame?&rdquo;&mdash;hij zag haar vragend aan.&mdash;&ldquo;En hoe kwam
-je er toe, je zelve zulk een taak te stellen?&rdquo;</p>
-<p>Judy streek met eene vlugge beweging hare krullen van haar verhit
-voorhoofd.</p>
-<p>&ldquo;Wel, ten eerste, vond ik het noodig, en ten tweede:
-&ldquo;houd ik niet van u, en is het niet mijn streven, u te
-behagen?&rdquo;&rdquo;</p>
-<p>Langzaam en in gedachten verdiept ging hij weer het huis binnen.
-Judy was hem altijd een raadsel. Hij begreep haar het minst van al
-zijne kinderen, en somtijds bekommerde hem de gedachte aan haar.
-Vooralsnog was zij niets dan een bijdehand, <span class="pagenum">[<a id="pb38" href="#pb38" name="pb38">38</a>]</span>knap, en
-dikwijls impertinent kind; maar hij gevoelde, dat zij geheel
-verschillend was van de overige zes, en als hij hieraan dacht, wat
-echter niet zeer dikwijls gebeurde, verontrustte hem eene zekere
-angstige bezorgdheid.</p>
-<p>Hij herinnerde zich, dat hare eigen moeder dikwijls gezegd had, hoe
-zij voor Judy&rsquo;s toekomst beefde. Dat rustelooze vuur, dat uit
-hare schitterende oogen flikkerde, eene hoogroode, opgewonden kleur op
-hare wangen te voorschijn riep, en eene verbazende veerkracht en
-bewegelijkheid aan haar jong, klein lichaam verleende, zou van haar of
-eene edele, moedige, schitterende vrouw maken, of zij zou schipbreuk
-lijden op rotsen, die de anderen nooit zouden bereiken, en dan zou het
-vuur hooger en hooger opvlammen, en haar verteeren.</p>
-<p>&ldquo;Pas goed op, Judy!&rdquo; waren bijna de laatste woorden van
-de bezorgde moeder geweest, toen, in het licht, dat komt als dat van
-deze wereld voor ons verdwijnt, zij met vreeselijke helderheid de
-steenen en struikelblokken op het pad had gezien van dit paar kleine,
-vlugge voeten.</p>
-<p>En zij was gestorven, en Judy zocht zich al <span class="pagenum">[<a id="pb39" href="#pb39" name="pb39">39</a>]</span>tastend
-en struikelend haar weg, en haar vader kon niet &ldquo;op haar
-passen&rdquo;, omdat hij volstrekt niet wist, hoe hij dit zou doen.</p>
-<p>Toen hij de trap der veranda weer op ging en de vestibule doorliep,
-vervulde hem de wensch, die bijna de innigheid van eene bede had, dat
-hare natuur niet zoo geheel verschillend van die der anderen ware, en
-gaarne had hij in zich de kracht gevoeld, om dien vreemden geest uit
-haar te bannen, die hem tusschenbeide zoo ongerust maakte.</p>
-<p>Hij blies den rook van zijne sigaar in eene groote wolk voor zich
-uit, en zuchtte diep; toen keerde hij zich om, en begaf zich naar den
-stal om alles te vergeten.</p>
-<p>De knecht was weg, hij reed een der paarden op het groote grasveld
-af; maar er was een gedruisch in de tuigkamer, en dus ging hij
-daarbinnen.</p>
-<p>Daar stond eene kleine druipende gestalte over een hooge tobbe
-gebogen, die met grooten ijver iets scheen onder te dompelen en uit het
-water te halen.</p>
-<p>Bij het geluid van zijne voetstappen, draaide <span class="pagenum">[<a id="pb40" href="#pb40" name="pb40">40</a>]</span>Baby het
-hoofd om, en zag hem met haar guitig klein gezichtje aan.</p>
-<p>&ldquo;Ik wasch de poesjes voor u, en ook Flibberty-Gibbet!&rdquo;
-zeide zij stralend.</p>
-<p>Vol schrik kwam hij eene schrede nader.</p>
-<p>Daar zag hij twee katjes, op welke hij bijzonder gesteld was, en die
-trillend, ellendig, tot aan den hals in het zeepsop zaten, en
-Flibberty-Gibbet, de mooie kleine <span class="corr" id="xd26e1078"
-title="Bron: fox-terrier">fox-terriër</span>, dien hij juist voor
-zijne vrouw gekocht had, was aan den deurpost vastgebonden, ook hij was
-nat, bevend en in hoogst treurigen toestand, ook hij was slachtoffer
-van deze schoonmaakwoede, en werd geborsteld en gewreven tot hem hooren
-en zien vergingen.</p>
-<p>&ldquo;Zij zijn nu zoo schoon en netjes&mdash;en hebben geen vieze
-vlooien meer! Is u niet blij? Flibberty kan u nu gerust op uw bed laten
-springen, en Kitsy Blackeye is&mdash;&rdquo;</p>
-<p>De arme Baby eindigde haar zin niet. Zij had later eene verwarde
-herinnering van hetgeen nu volgde, dat hierop neerkwam, dat zij een
-&ldquo;krachtig woord&rdquo; van haar vader hoorde, op de <span class="pagenum">[<a id="pb41" href="#pb41" name="pb41">41</a>]</span>meest
-onvriendelijke manier door elkaar geschud en den stal werd uitgezet,
-terwijl de rampzalige dieren gedroogd werden en met de grootste
-omzichtigheid behandeld. Maar het ergste zou nu nog komen, en het
-resultaat beantwoordde zoo weinig aan het doel, dat de jonge
-Woolcot&rsquo;s het besluit namen, nooit weer deugden te willen toonen,
-die zij niet bezaten.</p>
-<p>Bunby wenschte natuurlijk ook de goede zaak even hard te bevorderen
-als de anderen, en met dit doel voor oogen was het zijn eerste werk
-naar zijne slaapkamer te gaan, en zijn gezicht, hals en handen een
-grondige reiniging te doen ondergaan. Toen wandelde hij met zijne van
-zeep glimmende wangen en roodgeschuierde handen naar beneden en
-plaatste zich binnen den gezichtskring van zijn vader, in de hoop eene
-goedgunstige opmerking uit te lokken.</p>
-<p>Maar hem werd op ongeduldigen toon: &ldquo;Ga spelen!&rdquo;
-toegevoegd, en dus begreep hij, dat hij andere middelen moest vinden om
-zijn vader te verteederen.</p>
-<p>Hij liep naar de studeerkamer, met het vage <span class="pagenum">[<a id="pb42" href="#pb42" name="pb42">42</a>]</span>plan om
-de keurig gerangschikte stapels boeken op te ruimen, maar Pip zat daar,
-omringd van boeken en bezig met een houtje voor een catapult af te
-schillen, dus ging hij weer heen. Toen klom hij de trap op en verkende
-zijn vaders slaapvertrek en kleedkamer. In de laatste was oneindig veel
-gelegenheid, zijn goeden wil te toonen. Een gala-uniform lag dwars over
-een stoel en het viel Bunby op, dat de gouden knoopen niet zoo blonken
-als zij eigenlijk doen moesten, en dus bracht hij een welbesteed
-kwartier door met ze te poetsen. Daarna wreef hij eenige sporen op; de
-tijd, dien hij hieraan gaf, was natuurlijk even welbesteed. Toen keek
-hij rond naar eene nieuwe bezigheid.</p>
-<p>Een geheele kolonie van stoffige laarzen bevond zich in een hoek van
-de kamer, en eene groote flesch met een zwart, strooperig vernis stond
-op den schoorsteenmantel. Bunby werd door het schitterende denkbeeld,
-ze allemaal schoon te maken en netjes op eene rij te plaatsen, bezield,
-in de hoop, dat &ldquo;de verrukte blikken&rdquo; van zijn vader er op
-zouden vallen. Hij vond op den vloer een <span class="pagenum">[<a id="pb43" href="#pb43" name="pb43">43</a>]</span>handdoek van het fijnste
-Kamerrijksche linnen, die evenwel gebruikt was, goot er een groote plas
-vernis op en viel op het eerste paar aan.</p>
-<p>Een schitterend glanzen beloonde hem, want het vernis was juist voor
-het leder dezer laarzen bestemd; maar het volgende en het volgende en
-het volgende paar wilde niet glimmen, hoe hard hij ook wreef. Daar
-weerklonk een stap op de trap, de vaste, welbekende stap van zijn
-vader, en hij hield een oogenblik op met eene uitdrukking van
-zelfbewuste deugdzaamheid op het kleine tevreden gezicht.</p>
-<p>Maar deze uitdrukking verdween, en een doodelijke schrik deed Bunby
-verstijven. Hij had de flesch voor het gemak op een grooten armstoel
-gezet, daar hij op den grond zat, en nu bemerkte hij dat zij omgevallen
-was en dat er een afschuwelijke, zwarte stroom uit zijn hals kwam
-geloopen.</p>
-<p>En het was de stoel waarop het uniform was uitgebreid en een der
-mouwen was overgoten met het vocht, en een mooi wit hemd, dat daar ook
-lag, wachtende op een knoop, was overal gevlekt door het kleverige
-goed, vreeselijk! Bunby <span class="pagenum">[<a id="pb44" href="#pb44" name="pb44">44</a>]</span>keek met een woesten, doodelijk
-verschrikten blik de kamer rond, om een plek te vinden, waar hij zich
-zou kunnen verbergen, maar er waren geen hoekjes of gordijnen waar hij
-zich kon verschuilen, en er was geen tijd om de slaapkamer binnen te
-vliegen en onder het bed te kruipen. Dicht bij het raam was een groote
-medicijnkast, en in zijne wanhoop wierp Bunby er zich in, trok zijne
-beenen naar zich toe en verborg zijn hoofd tusschen zijne knieën,
-terwijl een onheilspellend gerinkel van omgeworpen flesschen in zijne
-ooren suisde. Het volgend oogenblik was zijn vader in de kamer.</p>
-<p>&ldquo;Groote hemel! God bewaar me!&rdquo; zeide hij, en Bunby
-trilde van het hoofd tot de voeten.</p>
-<p>Toen bromde hij een reeks woorden zeer snel achter
-elkander&mdash;&ldquo;in eene vreemde taal&rdquo; zooals Judy hiervan
-zeide; gooide iets omver, en riep &ldquo;Esther!&rdquo; op
-schrikwekkenden toon. Maar Esther was buiten op een der grasvelden met
-den Generaal, en dus kwam er geen antwoord.</p>
-<p>Meer woorden in eene vreemde taal, meer gestamp op den grond.
-<span class="pagenum">[<a id="pb45" href="#pb45" name="pb45">45</a>]</span></p>
-<p>Bunby&rsquo;s tanden sloegen met geweld op elkander; hij bracht
-zijne hand omhoog, om zijn mond dicht te houden, en de kast, die nu het
-evenwicht verloor, viel voorover, waardoor zijn bewoner voor zijn
-vaders voeten, en de flesschen naar alle kanten buitelden.</p>
-<p>&ldquo;Ik heb het niet gedaan&mdash;ik kan het&mdash;niet
-helpen!&rdquo; huilde hij, achterwaarts naar de deur loopende.
-&ldquo;O&mdash;neen&mdash;boe&mdash;hoe&mdash;oe!
-Esther&mdash;boe&mdash;ja&mdash;Judy&mdash;o&mdash;o! o!&rdquo; Zooals
-te verwachten was, had zijn vader een riem ter hand genomen, die daar
-door een gedienstig toeval lag, en was bezig, er zijn zoon een geducht
-pak slaag mede toe te dienen.</p>
-<p>&ldquo;O&mdash;o! o! A&mdash;a! ik kan het&mdash;niet helpen! Het is
-de schuld van Pip&mdash;en Judy&mdash;o! de pantomime! boe&mdash;hoe!
-a! u slaat me dood! O&mdash;o!&mdash;ik deed het alleen&mdash;ik deed
-het alleen&mdash;om u een genoegen te doen!&rdquo;</p>
-<p>Zijn vader hield op met omhooggeheven riem. &ldquo;En daarom dus
-gedraagt de een zich nog zotter dan de ander? Omdat ik jelui mee zou
-nemen naar de pantomime?&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb46"
-href="#pb46" name="pb46">46</a>]</span></p>
-<p>Bunby trok zich los. &ldquo;Boe&mdash;hoe&mdash;ja! Maar ik heb het
-niet bedacht&mdash;ik niet&mdash;ik kan het niet
-helpen!&mdash;O&mdash;a!&mdash;ik heb het niet gedaan&mdash;de anderen
-hebben het gedaan&mdash;boe&mdash;hoe&mdash;hoe! Geef u hun slaag, de
-anderen!&rdquo;</p>
-<p>Hij kreeg nog drie flinke klappen en vluchtte toen huilend en
-kermend naar de kinderkamer, waar hij op den grond rolde en met zijne
-beenen schopte en zich in bochten wrong alsof hij half doodgeslagen
-was.</p>
-<p>&ldquo;Jelui gluiperts!&rdquo; snikte hij, toen de anderen van alle
-kanten waren komen aanloopen, verschrikt door zijne luidruchtige
-klachten, &ldquo;jelui gemeene kinderen!&mdash;Ik heb&mdash;geen
-kip&mdash;gehad! En ik heb&mdash;al de slaag&mdash;gekregen! Jelui
-gluiperts&mdash;o&mdash;o! a&mdash;a!o&mdash;o! Ik bloed overal, dat
-weet ik zeker!&rdquo;</p>
-<p>Zij konden er niets aan doen, dat zij even moesten lachen; Bunby was
-altijd zoo onuitsprekelijk komiek als hij zich maar even bezeerd had;
-maar toch zochten zij hem zoo goed mogelijk te bedaren, en beproefden
-te weten te komen, wat er gebeurd was. <span class="pagenum">[<a id="pb47" href="#pb47" name="pb47">47</a>]</span></p>
-<p>Esther kwam thans de kamer binnen, zij zag er zeer ontstemd uit.</p>
-<p>&ldquo;Nu?&rdquo; zeiden zij als uit &eacute;&eacute;n mond.</p>
-<p>&ldquo;Jelui zijt de lastigste kinderen, die ik ooit gezien
-heb!&rdquo; zeide zij boos.</p>
-<p>&ldquo;Maar de pantomime&mdash;gauw, Esther&mdash;heb je het hem
-gevraagd?&rdquo; riepen zij ongeduldig.</p>
-<p>&ldquo;De pantomime! Hij zegt, dat hij nog liever hemel en aarde zou
-willen bewegen om de voorstelling te verhinderen, dan dat een van jelui
-er ook maar iets van te zien zou krijgen&mdash;en jelui hebt dat dubbel
-en dwars <span class="corr" id="xd26e1145" title="Bron: verdient">verdiend</span>! Meg, wat ik je bidden mag&mdash;doe
-Baby droge kleeren aan, kijk eens naar haar; en, Judy, als je nog het
-minste voor mij voelt, doe dan die japon uit. Bunby, stoute jongen, ik
-zal je vader roepen, als je niet ophoudt met zulk een leven te maken.
-Nell, neem den Generaal die schaar af, hij zal zich de oogen nog
-uitsteken.&rdquo;</p>
-<p>De jonge stiefmoeder leunde achterover in haar stoel, en keek met
-een tragischen blik om zich heen. Zij had haar echtgenoot nog nooit zoo
-hevig vertoornd gezien, en haar mooie mond trilde, toen <span class="pagenum">[<a id="pb48" href="#pb48" name="pb48">48</a>]</span>zij er
-aan dacht, hoe hij haar voor alles scheen aansprakelijk te stellen.</p>
-<p>Meg was niet van hare plaats opgestaan; het water droop langzaam uit
-Baby&rsquo;s kleederen en maakte een plas op den grond, Bunby stootte
-nog steeds een krampachtig gesnik uit, Judy was aan het fluiten, en de
-Generaal, nu beroofd van de schaar, begon zijn eigen vuil schoentje af
-te likken met zijne lieve, kleine, roode tong.</p>
-<p>Een snik wrong haar de keel dicht, twee tranen welden er in hare
-oogen, en liepen haar langs de zachte, liefelijke wangen.</p>
-<p>&ldquo;Jelui zijt met je zevenen, en ik ben nog maar twintig!&rdquo;
-zeide zij jammerend, &ldquo;O! het is te erg&mdash;werkelijk, het is te
-erg!<span class="corr" id="xd26e1158" title="Niet in bron">&rdquo;</span></p>
-<div class="figure o048width"><img src="images/o048.png" alt="Ornament." width="103" height="37"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb49" href="#pb49" name="pb49">49</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch4" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e270">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p049width"><img src="images/p049.jpg" alt="&ldquo;Het was even amusant als eene comedie, om te zien, hoe Wooly zijn jongsten spruit stevig vasthield, hem in een rijtuig stopte...&rdquo;"
-width="506" height="363">
-<p class="figureHead">&ldquo;Het was even amusant als eene comedie, om
-te zien, hoe Wooly zijn jongsten spruit stevig vasthield, hem in een
-rijtuig stopte&#8202;&hellip;&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK IV.</h2>
-<h2 class="main">DE GENERAAL IN DE KAZERNE.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Het was een dag na &ldquo;de gebeurtenissen van het vorige
-hoofdstuk&rdquo; zooals in vertelselboeken zou te lezen zijn. En Judy
-zat, met eene toornige uitdrukking van spijt in hare oogen, op de tafel
-der kinderkamer, hare knieën tot haar kin opgetrokken, en hare
-magere bruine handen om hare beenen gevouwen.</p>
-<p>&ldquo;Het is eene schandelijke behandeling,&rdquo; zeide zij,
-<span class="pagenum">[<a id="pb50" href="#pb50" name="pb50">50</a>]</span>&ldquo;eene onvergevelijke, schandelijke
-behandeling! Waarvoor zijn vaders eigenlijk op de wereld, dat zou ik
-wel eens willen weten!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;O Judy!&rdquo; zeide Meg, die, verdiept in haar boek, in een
-stoel gedoken zat. Maar zij zeide het werktuigelijk, en alleen omdat
-dit&mdash;zij was immers drie jaren ouder dan Judy&mdash;haar plicht
-was.</p>
-<p>&ldquo;Denk eens aan de heerlijke dagen, die wij zouden kunnen
-hebben, als hij er niet was!&rdquo; ging Judy voort, met kalme
-onverschilligheid. &ldquo;Minstens drie keer op een dag zouden we kip
-eten, en zeven avonden van de week naar de pantomime gaan.&rdquo;</p>
-<p>Nell maakte de opmerking, dat het geene gewoonte was op den eersten
-dag der week eene voorstelling bij te wonen, maar Judy liet zich niet
-uit het veld slaan.</p>
-<p>&ldquo;Ik zou dan eene soort van kerkelijke pantomime willen
-hebben,&rdquo; zeide zij peinzend,&mdash;&ldquo;mooie afbeeldingen en
-van allerlei, dat betrekking heeft op het Heilige Land, en eene
-liefelijke muziek, en mooie kinderen in het wit, die lofliederen
-zingen, en schitterende kleuren overal, <span class="pagenum">[<a id="pb51" href="#pb51" name="pb51">51</a>]</span>en geen collecteschalen
-waar je je laatste geld op moet leggen&mdash;o! en geen preeken of
-litaniën natuurlijk!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;O Judy!&rdquo; murmelde Meg, een blad omslaande. Judy opende
-hare handen en sloot ze weer, nog vaster dan te voren. &ldquo;Zes
-billetten weggegooid&mdash;dertig kostbare shillings&mdash;en dat
-alleen omdat wij een vader hebben!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Hij heeft ze naar de familie Digby-Smith gezonden,&rdquo;
-vertelde Bunby ongevraagd, &ldquo;en op de enveloppe had hij
-geschreven: &ldquo;Met beleefde groeten.&mdash;J. C.
-Woolcot.&rdquo;&rdquo;</p>
-<p>Judy steunde. &ldquo;Ik zie de zes afschuwelijke kleine
-Digby-Smith&rsquo;s al in de komedie zitten, en met hunne zes
-afschuwelijke oogjes naar onze pret kijken!&rdquo; zeide zij
-bitter.</p>
-<p>Bunby, die veel mathematisch gevoel had, verklaarde gaarne te willen
-weten, waarom zij er niet door hun twaalf afschuwelijke kleine oogjes
-naar zouden gekeken hebben, en Judy lachte en sprong van de tafel,
-nadat zij den misdadigen wensch had uitgesproken, dat de kleine
-Digby-Smith&rsquo;s allen over de leuning van de loge zouden
-<span class="pagenum">[<a id="pb52" href="#pb52" name="pb52">52</a>]</span>mogen duikelen, eer het gordijn opging. Meg deed
-haar boek dicht met een haastigen slag.</p>
-<p>&ldquo;Is Pip al weg? Vader zal vreeselijk boos zijn. O hemel wat
-heb ik toch een garnalen-geheugen!&rdquo; zeide zij. &ldquo;Waar is
-Esther? heeft iemand Esther gezien?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Maar lieve Meg!&rdquo; zeide Judy. &ldquo;Het is minstens
-twee uur geleden, dat Esther uitgereden is, je stond er zelf bij! Zij
-is naar Waverly&mdash;zij is nog naar je toe gekomen, en heeft je
-gezegd, dat zij er op rekende, dat jij voor de jas zou zorgen, en je
-zeide: &ldquo;Mevrouw, u zal tevreden zijn!&rdquo;&rdquo;</p>
-<p>Meg, die zich nu alles herinnerde, keek met een verschrikten blik
-rond. &ldquo;Moest ik de jas schoonmaken?&rdquo; vraagde zij angstig,
-terwijl zij haar mooi, zwart haar uit haar voorhoofd streek. &ldquo;O,
-kinderen! wat moest ik ook weer doen?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;De jas schoonmaken met benzine, haar strijken terwijl zij nog
-vochtig was, haar in eene koele plaats ophangen om haar warm te houden,
-en haar bakken tot ze bruin wordt,&rdquo; zeide Judy vlug. &ldquo;Dat
-heb je toch zeker gehoord, Margaret? Esther <span class="pagenum">[<a id="pb53" href="#pb53" name="pb53">53</a>]</span>heeft
-zooveel moeite gehad om je alles uit te leggen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Wat zal ik beginnen?&rdquo; zeide zij, en werkelijk sprongen
-er tranen in haar oogen. &ldquo;Wat zal vader zeggen? O, Judy, je hadt
-mij wel eens kunnen helpen herinneren.&rdquo;</p>
-<p>Nell sloeg haar arm om haar zusters hals. &ldquo;Zij plaagt je maar
-wat, Megsie; Esther heeft alles al gedaan en heeft de jas in de
-vestibule klaar gelegd&mdash;je hebt haar alleen maar aan Pip te geven.
-Pat moet van middag met den dogcart naar de stad gaan om de kussens van
-de achterbank te laten repareeren, en Pip gaat mee, dat is alles, en er
-wordt nu ingespannen; je bent niet te laat.&rdquo;</p>
-<p>Het was de jas, die Bunby naar zijn beste weten bedorven had, die al
-deze drukte veroorzaakte. Zij behoorde, als ik reeds zeide, tot het
-gala-uniform van den kapitein, en hij moest haar dien zelfden avond op
-een diner in de kazerne dragen. Esther was den geheelen morgen bezig
-geweest, haar af te sponsen en schoon te maken en had toen zij wegging,
-gezegd, dat het kleedingstuk in <span class="pagenum">[<a id="pb54"
-href="#pb54" name="pb54">54</a>]</span>den middag naar de kazerne moest
-gebracht worden.</p>
-<p>De dogcart kwam op dit oogenblik met een breeden boog naar de
-voordeur gereden, Pip mende, en Pat keek uit de hoogte op hem toe. Zij
-namen het pak dat de jas bevatte, aan, legden het zorgvuldig onder de
-bank, en waren op het punt weer te vertrekken, toen Judy zich op de
-veranda vertoonde, den Generaal onhandig in hare armen houdend.</p>
-<p>&ldquo;Jij gaat ook mee, Fizz, er is nog een bergplaats, er is geen
-eene reden waarom je niet zoudt meegaan,&rdquo; zeide Pip op eens.</p>
-<p>&ldquo;O!&rdquo; riep Judy, en hare oogen begonnen te schitteren.
-Zij deed haastig een stap vooruit en lichtte &eacute;&eacute;n voet op,
-om in te stappen.</p>
-<p>&ldquo;O, wacht eens even!&rdquo; protesteerde Pip, &ldquo;je zult
-iets over die japon moeten aantrekken, meisje!&mdash;zij is vol jam en
-vlekken!&rdquo;</p>
-<p>Judy vloog de vestibule in, en kwam terug met haar regenmantel; zij
-zette den Generaal &eacute;&eacute;n oogenblik op den grond, terwijl
-zij den mantel aantrok, tilde haar broertje toen weer op, en gaf hem
-Pip aan. <span class="pagenum">[<a id="pb55" href="#pb55" name="pb55">55</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Hij zal ook mee moeten,&rdquo; zeide zij, &ldquo;ik heb
-Esther beloofd, dat ik hem geen seconde uit het oog zou verliezen; in
-den laatsten tijd begint zij erg bezorgd voor hem te worden&mdash;ik
-geloof, dat zij denkt, dat hij nog eens zal breken.&rdquo;</p>
-<p>Pip bromde een paar minuten, maar de Generaal stootte een
-onweerstaanbaar, verrukt lachje uit, en hield zijne armpjes omhoog, dus
-nam hij hem aan en hield hem vast, terwijl Judy in het rijtuigje
-klom.</p>
-<p>&ldquo;Wij kunnen met den tram naar de Kade teruggaan, en dan met
-een boot naar huis komen,&rdquo; zeide zij, terwijl zij het kindje
-tusschen zich en haar broer op de bank drukte. &ldquo;De Generaal vindt
-het wat heerlijk op het water!&rdquo;</p>
-<p>En zij reden weg, de verwaarloosde oprijlaan uit, het hek door, en
-toen den weg op, Pip, Judy met de glinsterende oogen, de Generaal, die
-zijn duim zat te verslinden, en, Pat, weer glimlachend, omdat hij de
-teugels weer in handen had.</p>
-<p>Een frissche wind kwam van de rivier door den gordel van gomboomen
-waaien, die hare oevers omgaf, en deed het jonge, roode bloed snel door
-<span class="pagenum">[<a id="pb56" href="#pb56" name="pb56">56</a>]</span>hunne aderen stroomen; hij stoeide met
-Judy&rsquo;s krullen, en gaf eene warme roode tint aan hare bruine
-wangen; hij maakte den Generaal onrustig en weerspannig, zoodat hij
-kraaide en om zich heen sloeg, en bracht Pip er toe, zijn hoed achter
-op zijn hoofd te zetten en vroolijk een liedje te fluiten.</p>
-<p>Dit duurde zoo voort, tot zij de stad bijna bereikt hadden en
-genoodzaakt waren zich naar de eischen der welvoegelijkheid te
-schikken.</p>
-<p>Zij ontmoetten een ruiter, die toen hij hun zag, zijn paard
-stapvoets liet loopen. Pip nam zijn hoed af met een sierlijken zwaai,
-en Judy glimlachte vriendelijk en blijkbaar aangenaam verrast, want de
-ruiter was een oude kolonel, dien zij reeds jaren kenden, en wiens
-opgeruimdheid en vrijgevigheid zij met reden dankbaar konden
-herdenken.</p>
-<p>&ldquo;Wel, mijn kleine meid,&mdash;wel, Pip, mijn jongen!&rdquo;
-zeide hij, goedhartig glimlachend, terwijl zijn paard om den dogcart
-danste,&mdash;&ldquo;en de Generaal ook al? Waar gaan jelui
-heen?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Naar de kazerne, ik heb een pak bij me <span class="pagenum">[<a id="pb57" href="#pb57" name="pb57">57</a>]</span>voor den
-ouden heer!&rdquo; antwoordde Pip. Judy sloeg het trappelende paard met
-bewonderende oogen gade. &ldquo;En dan gaan we weer naar
-huis.&rdquo;</p>
-<p>Het gelukte den kolonel, niettegenstaande de onrustige bewegingen
-van het paard, zijne hand in zijn zak te steken. &ldquo;Hier hebben
-jelui iets waarmede je je zelf ziek kunt maken onder weg,&rdquo; zeide
-hij, en gaf hun twee halve kronen, &ldquo;maar zend me niet de
-doktersrekening!&rdquo;</p>
-<p>Hij streelde de wang van den Generaal met zijn rijzweep, knikte Judy
-toe, en hield zijn onrustig paard niet langer tegen.</p>
-<p>De kinderen keken elkander met schitterende oogen aan.</p>
-<p>&ldquo;Kokosnoten,&rdquo; zeide Pip, &ldquo;en taartjes en koffie,
-en de rest bewaren we voor een voetbal?&rdquo; Judy schudde het
-hoofd.</p>
-<p>&ldquo;Wat zou ik daaraan hebben?&rdquo; zeide hij. &ldquo;Je zoudt
-den voetbal op school bewaren. Ik stem voor jujubes, en roomijs, en een
-wassen pop.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Een wassen grootmoeder!&rdquo; riep Pip verontwaardigd.
-&ldquo;Zoo gek zal je toch niet zijn!&rdquo; Toen voegde hij er bijna
-met eerbiedige bewondering bij: <span class="pagenum">[<a id="pb58"
-href="#pb58" name="pb58">58</a>]</span>&ldquo;Wat een geluk dat je
-altijd poppen verfoeid hebt, Fizz!&rdquo;</p>
-<p>Judy sprong plotseling op hare plaats omhoog, zoodat de Generaal
-bijna <span class="corr" id="xd26e1273" title="Bron: onvergeworpen">omvergeworpen</span> werd, en de koetsier een
-stroom van verwijten over haar uitstortte. &ldquo;Ik weet al
-iets!&rdquo; riep zij, &ldquo;en we zijn al bijna halverwege: o! dat
-zal heerlijk zijn!&rdquo;</p>
-<p>Pip verzocht haar, duidelijk hare plannen mee te deelen.</p>
-<p>&ldquo;Laten we gaan naar het Bondi-Aquarium,&mdash;daar kunnen we
-op rolletjesschaatsen rijden, varen, in den draaimolen zitten, ook in
-de Montagne russe, alles even goedkoop!&rdquo; antwoordde zij vlug en
-beknopt.</p>
-<p>&ldquo;Goede hemel!&rdquo; Pip floot zacht, terwijl hij het voorstel
-overwoog. &ldquo;Er kon dan zelfs nog wat overschieten voor den
-voetbal.&rdquo; Toen betrok zijn gezicht.</p>
-<p>&ldquo;Maar we hebben het kleine kind bij ons&mdash;Waarom heb je
-hem mee gebracht? Dat is nu weer echt meisjesachtig, om alles te
-bederven!&rdquo;</p>
-<p>Judy keek verlegen voor zich. &ldquo;Ik had hem heelemaal
-vergeten!&rdquo; zeide zij boos. &ldquo;Kunnen wij <span class="pagenum">[<a id="pb59" href="#pb59" name="pb59">59</a>]</span>hem niet
-ergens heenbrengen? Kunnen wij niet aan iemand vragen, om op hem te
-passen, terwijl wij naar het Aquarium gaan? Het zou vreeselijk
-vervelend zijn, als wij ons plan moesten opgeven om hem. En het begint
-ook al te regenen, we zouden hem niet mee kunnen nemen.&rdquo;</p>
-<p>Zij waren nu aan den voet van den heuvel gekomen, waarop de kazerne
-staat, en Pat zeide hun, dat zij uit moesten stappen en het overige van
-den weg te voet afleggen, want anders zou de dogcart onmogelijk
-v&oacute;&oacute;r den avond weer in orde kunnen zijn.</p>
-<p>Pip sprong op den grond en nam den Generaal, als een bundeltje uit
-den wagen, en Judy volgde hem voorzichtig, het kostbare pakket dat de
-jas bevatte, in hare armen. En zij wandelden stilzwijgend den heuvel
-van asphalt op naar het hek, dat toegang gaf tot de
-officierswoningen.</p>
-<p>&ldquo;Nu?&rdquo; zeide Pip op klagenden toon, toen zij den top
-bereikten. &ldquo;Gauw wat, heb je niets bedacht?&rdquo;</p>
-<p>Wanneer zijne zuster, evenals nu, hare wenkbrauwen optrok, en hare
-lippen vast toekneep, <span class="pagenum">[<a id="pb60" href="#pb60"
-name="pb60">60</a>]</span>kon hij er zeker van zijn, dat zij eene
-ingewikkelde moeielijkheid trachtte op te lossen.</p>
-<p>&ldquo;Ja,&rdquo; zeide Judy eindelijk kalm. &ldquo;Ik heb een plan,
-dat wel lukken zal, denk ik.&rdquo; En toen vervolgde zij met
-plotselinge opgewondenheid:</p>
-<p>&ldquo;Wie is de vader van den Generaal? dat zou ik wel eens willen
-weten! Is het niet gepast en behoorlijk, dat vaders naar hunne zoons
-omzien? En verdient hij niet, dat wij hem kwaad met kwaad vergelden, nu
-hij de kaarten van de pantomime heeft weg gegeven? En is het Aquarium
-niet veel te verrukkelijk om er niet heen gaan?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Nu?&rdquo; zeide Pip, zijn trager verstand kon zulk eene
-vlugge redeneering niet volgen.</p>
-<p>&ldquo;Ik ben alleen maar van plan den Generaal een paar uren in de
-kazerne achter te laten, tot wij terug komen, want volgens mij is zijn
-vader de aangewezen persoon om op hem te passen.&rdquo; Judy nam
-vastberaden het kleine dikke handje van den Generaal, en opende het
-hek.</p>
-<p>&ldquo;Nu,&rdquo; sprak Pip, &ldquo;ik geloof, dat we bezig zijn, er
-ons leelijk in te werken. Laten wij dat maar liever niet doen!&rdquo;
-<span class="pagenum">[<a id="pb61" href="#pb61" name="pb61">61</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Wel waarom niet?&rdquo; antwoordde Judy uitdagend. &ldquo;Het
-zal nog wel niet zoo slecht afloopen, en, in ieder geval, wij moeten
-iets voor het Aquarium overhebben. Kijk eens hoe het regent; het kind
-zou de kroep of rheumatiek kunnen krijgen, als wij hem mee namen! Daar
-staat vader te praten met een man dicht bij het tennisveld; ik zal
-stilletjes langs de veranda loopen, en naar zijne eigen kamer gaan, en
-de jas en den Generaal op zijn bed leggen; dan zal ik tegen een soldaat
-zeggen, dat hij vader moet gaan vertellen, dat zijne pakketten gekomen
-zijn, en terwijl dat gebeurt, vlieg ik hierheen terug, en nemen wij den
-tram, om naar het Aquarium te komen.&rdquo;</p>
-<p>Pip floot wederom zachtjes. Hij was gewend aan overmoedige
-voorstellen van deze zuster van hem, maar dit overtrof alle vroegere.
-&ldquo;Maar,&rdquo; zeide hij, niet recht op zijn gemak, &ldquo;maar
-Judy, wat zal hij uitvoeren twee uren lang met ons kleine
-ventje?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Dat is zijn zaak,&rdquo; antwoordde Judy gevat. &ldquo;Het
-zou wat moois zijn, als een vader zijn eigen kind niet twee uren lang
-zou kunnen bezighouden. <span class="pagenum">[<a id="pb62" href="#pb62" name="pb62">62</a>]</span>Naderhand, als we in het Aquarium
-geweest zijn, komen we terug om hem te halen, en dan kunnen we vader
-zeggen, dat het zoo regende, en dat we het beter vonden hem niet mede
-te nemen uit angst voor rheumatiek, en dat we zulk eene haast hadden om
-den tram nog te krijgen, en dat wij omdat hij niet in zijne kamer was,
-den Generaal maar zoolang op zijn bed hadden gezet. Nu, Pip, dat is
-toch alles heel eenvoudig!&rdquo;</p>
-<p>Pip keek nog altijd niet heel opgewekt. &ldquo;Ik vind, dat wij het
-liever niet moeten doen, Fizz!&rdquo; zeide hij nog eens; &ldquo;hij
-zal woedend zijn!&rdquo;</p>
-<p>Judy keek hem vol ongeduld aan. &ldquo;Ga eens kijken of de tram al
-komt,&rdquo; zeide zij; en, verheugd een oogenblik uitstel te winnen,
-liep hij het pad af, en keek in de richting, vanwaar de tram moest
-komen. Toen hij zich omdraaide was zij verdwenen.</p>
-<p>Hij stopte zijne handen in zijne zakken en wandelde verscheiden
-malen het pad op en neer, &ldquo;Fizz zal ons nog eens allemaal doen
-ophangen!&rdquo; gromde hij, en keek donker naar de deur in den muur
-door welke zij verdwenen was. <span class="pagenum">[<a id="pb63" href="#pb63" name="pb63">63</a>]</span></p>
-<p>Hij schoof zijn hoed naar achteren en beschouwde zijne laarzen, er
-over peinzende, welke de gevolgen van dit nieuwe misdrijf zouden zijn.
-Opeens hoorde hij een lichten voetstap naast zich.</p>
-<p>&ldquo;Ga nu mee!&rdquo; zeide Judy, en trok hem bij de mouw.
-&ldquo;Alles is in orde, ga nu mee en laten we pret maken; heb je het
-geld goed bij je <span class="corr" id="xd26e1330" title="Bron: ge-gestoken">gestoken</span>?&rdquo;</p>
-<p>Het was &eacute;&eacute;n uur, toen zij het hek uit gingen en van
-den heuvel naar de halte van den tram keken.</p>
-<p>En het was half vijf toen zij uit een naar de stad rijdenden tram
-sprongen en het hek weer binnen gingen, om het hun toevertrouwde te
-halen.</p>
-<p>Welk een heerlijken middag hadden zij gehad! Eenmaal in het
-Aquarium, had zelfs Pip zijn geweten tot zwijgen gebracht, en was er
-uitsluitend op bedacht geweest, zooveel mogelijk plezier te hebben. En
-Judy gedroeg zich als een klein dol wezen. Een shilling van haar geld
-gaf ze aan de Montagne russe, de vlugge, bedwelmende beweging vond zij
-&ldquo;hemelsch.&rdquo; De eerste rit maakte <span class="pagenum">[<a id="pb64" href="#pb64" name="pb64">64</a>]</span>Pip
-duizelig en draaierig, zoodat hij een tweeden zorgvuldig vermeed, en
-naar Judy bleef kijken, die telkens weer opnieuw vertrok, en hem uit
-het ranke kleine wagentje vroolijk toe wuifde terwijl hij duizend
-angsten voor haar uitstond. Daarop huurden zij ieder een paar
-rolletjesschaatsen, en vielen zich bont en blauw op het asphalt. Toen
-gingen zij in de draaimolen zitten, maar Judy vond dit een laf vermaak
-na de Montagne russe, en weigerde er verder geld voor uit geven; zij
-vergenoegde zich met naar Pip te kijken, die rond vloog, en beproefde
-hem telkens zoo lang mogelijk hard loopend bij te houden. Zij eindigden
-den middag met een eene langdurige inspectie van de visschen, deden
-zich te goed aan geleitaartjes van twijfelachtige verschheid, en
-kochten voor twee stuivers aardnoten. En, zooals ik reeds zeide, was
-het half vijf toen zij het pad opsnelden naar het bovenste hek der
-kazerne.</p>
-<p>&ldquo;Ik hoop maar, dat hij zoet geweest is!&rdquo; zeide Judy,
-terwijl zij den knop omdraaide. &ldquo;Neen, Pip jij gaat ook
-mede,&rdquo;&mdash;want dit jonge mensch scheen zich te willen
-terugtrekken. &ldquo;Als je twintig <span class="pagenum">[<a id="pb65"
-href="#pb65" name="pb65">65</a>]</span>schoppen of slagen over twee
-verdeelt krijgt elk maar tien!&rdquo;</p>
-<p>Zij liepen langs de steenen veranda en bleven bij eene deur stil
-staan.</p>
-<p>Eene kleine groep jonge officieren stond daar dicht bij te praten en
-te lachen.</p>
-<p>&ldquo;Op mijn woord, het was even amusant als eene comedie, om te
-zien hoe Wooly zijn jongsten spruit stevig vast hield, hem in een
-rijtuig stopte, er zelf ook in ging en dit alles met een innig
-verontwaardigd gezicht.&rdquo;</p>
-<p>Een andere blies den rook van zijne sigaar in de lucht. &ldquo;Het
-was een grappige kleine baas,&rdquo; zeide hij. &ldquo;Hij balde zijne
-vuistjes en duwde er een in het oog van zijn WelEdelgestrengen; en toen
-schopte hij zijn schoentje uit, en wij haastten ons allen om het op te
-rapen, en het was vuil en versleten, en de oude Wooly werd langzaam
-geheel rood tot achter zijne ooren, toen hij beproefde, het zijnen zoon
-aan te trekken.&rdquo;</p>
-<p>Eene kleine gestalte stapte opeens naar het midden der
-groep,&mdash;eene kleine gestalte met een onmogelijk korten en kalen
-ulster, dunne, met <span class="pagenum">[<a id="pb66" href="#pb66"
-name="pb66">66</a>]</span>zwarte kousen bekleede beenen, en een grooten
-hoed, die een overvloed van krullen overschaduwde.</p>
-<p>&ldquo;U spreekt over mijn vader,&rdquo; zeide zij, het hoofd in den
-nek, zeer uit de hoogte, &ldquo;ik begrijp niet, waarom u zich vroolijk
-maakt. Is mijn vader hier, of hoorde ik u zeggen, dat hij is
-heengegaan?&rdquo;</p>
-<p>Twee der heeren keken min of meer verlegen, de derde groette
-beleefd.</p>
-<p>&ldquo;Het spijt mij, dat u ons gesprek gehoord heeft, Miss
-Woolcot!&rdquo; zeide hij op wellevenden toon. &ldquo;Maar, er is geen
-onherstelbaar kwaad verricht, nietwaar? Ja, uw vader is in een rijtuig
-vertrokken. Hij kon niet begrijpen, hoe de kleine jongen op zijn bed
-kwam, en, daar hij hem hier niet goed kon houden, veronderstel ik, dat
-hij hem naar huis gebracht heeft.&rdquo;</p>
-<p>Iets als eene uitdrukking van berouw kwam in Judy&rsquo;s heldere
-oogen.</p>
-<p>&ldquo;Ik vrees mijn vader in ongelegenheid gebracht te
-hebben!&rdquo; zeide zij kalm. &ldquo;Ik heb mijn broertje hier
-gebracht, omdat ik niet wist, waar ik hem een paar uur lang zou laten.
-Maar ik had <span class="pagenum">[<a id="pb67" href="#pb67" name="pb67">67</a>]</span>er op gerekend, hem zelf naar huis te brengen. Is
-mijn vader al lang weg?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ongeveer een half uur,&rdquo; zeide de officier, die zijn
-best deed niet te glimlachen over de ouderwetsche manieren van het
-kleine meisje.</p>
-<p>&ldquo;O, dank u wel. Wij zullen hem misschien nog kunnen opvangen.
-Kom, Pip!&rdquo; en, ernstig en uit de hoogte groetend, draaide zij
-zich om, en liep met haar broeder weer langs de veranda en door het hek
-naar buiten.</p>
-<p>&ldquo;Daar hebben we ons ook mooi ingewerkt!&rdquo; zeide hij. Judy
-knikte.</p>
-<p>&ldquo;Het is zoo ongeveer het allerergste, wat wij ooit in ons
-leven uitgevoerd hebben. Stel je vader voor in een rijtuig met dat
-kleine kind! O goede hemel!&rdquo;</p>
-<p>Judy knikte nogmaals.</p>
-<p>&ldquo;Kan je niet spreken?&rdquo; zeide hij ongeduldig. &ldquo;Jij
-hebt ons dit alles op den hals gehaald&mdash;ik vond het niet goed, dat
-we het deden; maar natuurlijk, ik zal je niet verlaten. Alleen moet je
-nu zoo gauw mogelijk een uitweg bedenken.&rdquo;</p>
-<p>Judy beet op drie vingertoppen van haar rechter handschoen, en keek
-treurig voor zich uit<span class="corr" id="xd26e1385" title="Niet in bron">.</span> <span class="pagenum">[<a id="pb68" href="#pb68" name="pb68">68</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;We kunnen niets beginnen, Pip!&rdquo; zeide zij langzaam.
-&ldquo;Ik had niet gedacht, dat het zoo zou eindigen. Ik geloof, dat
-het &rsquo;t beste is, als we maar dadelijk naar huis gaan en ons
-overleveren om gestraft te worden. Hij zal te woedend zijn, om naar
-eene verontschuldiging te luisteren, en dus moeten we ons maar goed
-houden, en afwachten, wat hij doen zal. Het spijt mij vreeselijk, dat
-ik oorzaak ben, dat de officieren om hem hebben kunnen
-lachen.&rdquo;</p>
-<p>Pip kon zich niet langer goedhouden. Hij noemde haar een ezel en een
-stommeling en een idioot, omdat zij dit gedaan had, en zij zeide in het
-geheel niets terug.</p>
-<p>Zij namen den tram, en begaven zich naar Sydney, en daarop naar de
-boot. Zij kropen in een hoekje, dat zoo ver mogelijk van de kajuit
-verwijderd was, en praatten met grooten ernst over den stand der zaken.
-Na eene poos stond Pip op en liep wat rond om tot andere gedachten te
-komen, tot hij opeens terug kwam met een doodsbleek, strak gelaat.</p>
-<p>&ldquo;Hij is op de boot!&rdquo; fluisterde hij doodelijk ontsteld.
-<span class="pagenum">[<a id="pb69" href="#pb69" name="pb69">69</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Waar&mdash;waar&mdash;waar? wat&mdash;wat&mdash;wat?&rdquo;
-riep Judy.</p>
-<p>&ldquo;In de kajuit, hij kijkt zoo nijdig als een spin, en houdt den
-armen kleinen Generaal zoo stevig vast, alsof hij bang was, dat hij weg
-zal vliegen.&rdquo;</p>
-<p>Judy keek verschrikt rond.</p>
-<p>&ldquo;Kunnen we ons niet verstoppen? Als hij ons maar niet te zien
-krijgt! Het zou nu toch niets geven, of we hem vraagden, den Generaal
-aan ons te geven. We zijn ingerekend, Pip&mdash;hij geeft geen
-kwartier.&rdquo;</p>
-<p>Pip bromde iets; Judy stond op.</p>
-<p>&ldquo;Laten we naar de machine kruipen,&rdquo; zeide zij, &ldquo;en
-eens kijken of hij er erg boos uitziet.&rdquo;</p>
-<div class="figure p070width"><img src="images/p070.jpg" alt="DE LIEVE KLEINE GENERAAL ZAT NAAST ZIJN ERNSTIGEN VADER." width="477"
-height="720">
-<p class="figureHead">DE LIEVE KLEINE GENERAAL ZAT NAAST ZIJN ERNSTIGEN
-VADER.</p>
-</div>
-<p>Zij liepen met groote voorzorg over het dek, en posteerden zich
-z&oacute;&oacute;, dat zij konden zien zonder gezien te worden. De
-lieve kleine Generaal zat naast zijn ernstigen vader, die den rug van
-zijn wollen jasje stevig vast hield. Hij zoog op zijn vuil handje, en
-wierp nu en dan verlangende blikken naar zijn bruinleeren schoentje,
-waarop hij, zooals hij wist, heerlijk zou kunnen bijten. Een paar maal
-had hij het uitgetrokken en naar <span class="pagenum">[<a id="pb70"
-href="#pb70" name="pb70">70</a>]</span>zijn mond gebracht, maar zijn
-vader was tusschenbeide gekomen, en had het kleedingstuk weer, op de
-plaats, waar het behoorde te zijn, dichtgeknoopt. Hij zou ook wel heel
-gaarne van die akelige bank zijn gegleden, en over het dek hebben
-gekropen, en hebben onderzocht, wat er al zoo onder de banken te kijk
-was, en waar dat proestende geluid van daan kwam; maar hij voelde een
-ijzeren greep aan zijn jasje, dien geen <span class="corr" id="xd26e1420" title="Bron: spar, telen">spartelen</span> of wringen kon
-losser maken. Geen wonder dat het arme kind ongelukkig keek!</p>
-<p>Eindelijk legde de boot aan niet ver van Misrule, en de kapitein
-stapte aan wal, zijn morsig zoontje stevig in zijne armen dragend. Hij
-wandelde langzaam den rooden weg op, dien de dogcart een zes of zeven
-uur geleden met zulk een opgewekten spoed afgelegd had, en Judy en Pip
-volgden op een eerbiedigen&mdash;een zeer eerbiedigen&mdash;afstand.
-Bij het hek zag hij hen, en wenkte hen toornig met een breeden zwaai,
-naderbij te komen. Judy werd zeer bleek, maar gehoorzaamde dadelijk, en
-Pip, die zijn best deed, zich goed te houden, maakte de achterhoede
-uit. <span class="pagenum">[<a id="pb71" href="#pb71" name="pb71">71</a>]</span></p>
-<p>Later herinnerde Judy zich slechts zeer onduidelijk hetgeen
-gedurende het eerstvolgende halve uur gebeurde. Zij wist, dat er een
-stormachtig tooneel plaats gegrepen had, waarbij Esther en de geheele
-familie haar overstelpt had met verwijten en berispingen.</p>
-<p>Daarop kreeg Pip een pak slaag, ondanks Judy&rsquo;s herhaalde
-bekentenis, dat alles haar schuld was, en Pip niets gedaan had. Zij
-herinnerde zich, dat zij er met nieuwsgierigheid aan dacht, of zij even
-voorbeeldig als Pip zou gekastijd worden, zoo toornig was haar vaders
-gezicht, toen hij den jongen op zijde duwde en naar haar stond te
-kijken, zijne rijzweep in de hand.</p>
-<p>Maar hij gooide deze neer en legde zijne hand zwaar op haar
-schouder, dien zij vergeefs poogde terug te trekken.</p>
-<p>&ldquo;Aanstaanden Maandag,&rdquo; zeide hij
-langzaam&mdash;&ldquo;aanstaanden Maandagmorgen ga je naar de
-kostschool. Esther, wees zoo goed na te zien, of Helen&rsquo;s
-kleederen in orde zijn voor de kostschool&mdash;aanstaanden
-Maandagmorgen gaat zij er heen.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb72" href="#pb72" name="pb72">72</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch5" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e280">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p074width"><img src="images/p074.jpg" alt="&ldquo;Laat haar hier blijven. O! toe, laat haar hier blijven! we zullen altijd zoet zijn!&rdquo;"
-width="499" height="299">
-<p class="figureHead">&ldquo;Laat haar hier blijven<span class="corr"
-id="xd26e1445" title="Niet in bron">.</span> O! toe, laat haar hier
-blijven! we zullen altijd zoet zijn!&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK V.</h2>
-<h2 class="main">AANSTAANDEN MAANDAGMORGEN.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Een koffer stond in de vestibule, en een groot, dikwijls gebruikt
-valies, en er hingen adressen aan, waarop te lezen stond: &ldquo;Miss
-Helen Woolcot, adres de Dames Burton, Mount Victoria.&rdquo;</p>
-<p>In de kinderkamer werd het ontbijt in gedrukte stemming gebruikt.
-Meg&rsquo;s blauwe oogen waren rood en gezwollen van het schreien, en
-zij snoof nu en dan hoorbaar, terwijl zij bezig was koffie te schenken.
-Pip stond met de handen in de zakken op het haardkleed treurig naar een
-zeker bord te kijken, en dankte voor eten of <span class="pagenum">[<a id="pb73" href="#pb73" name="pb73">73</a>]</span>drinken;
-de Generaal zat vroolijk met zijn drinkkroes op zijn bord te slaan; en
-Bunby at suffend zijn boterham op.</p>
-<p>Judy, bleek en met droge oogen, zat aan de tafel, en Nell en Baby
-hadden zich ieder aan een harer armen vastgeklampt. Gedurende de drie
-dagen, die tusschen dien noodlottigen Donderdag en dezen treurigen
-morgen verloopen waren, had zij koppig willen toonen, dat zij zich de
-geheele zaak niet aantrok. Nooit was hare stemming opgewekter, haar oog
-schitterender, hare tong scherper geweest, dan gedurende dezen
-tusschentijd; en zij had tegen iedereen beweerd, en in het bijzonder
-tegen haar vader, dat zij zich het verblijf in eene kostschool heerlijk
-dacht, en zich op haar vertrek verheugde.</p>
-<p>Maar dezen morgen was zij ineengezakt. De dagen te voren had haar
-vurig, kinderlijk hart haar gezegd, dat haar vader toch niet
-z&oacute;&oacute; wreed zou kunnen zijn, dat het niet in ernst zijn
-plan kon wezen haar onder vreemden te zenden, ver weg van het oude,
-vervallen Misrule en van al haar broeders en zusters; hij zeide het
-alleen <span class="pagenum">[<a id="pb74" href="#pb74" name="pb74">74</a>]</span>maar om haar schrik aan te jagen, dit praatte zij
-gedurig zich zelve voor, en zij zou hem toonen, dat zij geen lafhartig
-klein kind was.</p>
-<p>Maar Zondagavond, toen zij een koffer naar beneden zag brengen en
-dien zag volpakken met hare kleederen en voorzien worden van haar naam,
-was het alsof een koude hand zich om haar hart sloot. Maar, zeide zij
-tot zich zelve, hij liet dit alles geschieden om haar te doen gelooven,
-dat zij werkelijk vertrekken moest.</p>
-<p>En nu was het morgen geworden, en zij kon zich niets meer diets
-maken. Esther was bij haar bed gekomen, en had haar treurig gekust, met
-eene bezorgde en teedere uitdrukking op haar lief aangezicht. Zij had
-haar man gesmeekt zoo innig als zij nog nooit gesmeekt had, het vonnis
-der arme Judy te vernietigen, maar de kapitein was onvermurwbaar. Zij
-en alleen zij was de belhamel bij alle ondeugende streken, de anderen
-zouden zich behoorlijk gedragen, wanneer zij er niet meer was om hen
-tot allerlei stoutigheden aan te zetten, en gaan moest zij. Bovendien
-zeide hij, zou het tot haar eigen heil zijn. Hij had eene uitmuntende
-<span class="pagenum">[<a id="pb75" href="#pb75" name="pb75">75</a>]</span>school voor haar gekozen; de directrices er van
-waren vriendelijk, maar streng, en Judy&rsquo;s karakter liep gevaar
-bedorven te worden door gebrek aan eene strenge leiding. Dit was
-inderdaad in zeker opzicht waar.</p>
-<p>Judy ging plotseling rechtop in haar bed zitten, bij het gezicht van
-Esther&rsquo;s bekommerd gelaat.</p>
-<p>&ldquo;Er is niets aan te doen, lieve kind, schik je naar vaders
-wil!&rdquo; zeide zij vriendelijk. &ldquo;Maar je zult gaan als een
-moedig meisje, nietwaar, Ju?&mdash;Jij hebt tot nu toe altijd, zooals
-Pip zegt: de huik naar den wind kunnen hangen.&rdquo;</p>
-<p>Judy verkropte een hevigen snik, en haar arm klein gezicht werd
-bleek en angstig.</p>
-<p>&ldquo;Het is goed, Esther! Toe, ga maar gerust ontbijten,&rdquo;
-zeide zij met eene stem, die alleen maar een weinig beefde; &ldquo;zou
-je den Generaal bij mij willen laten, Esther? Ik zal hem mede naar
-beneden brengen!&rdquo;</p>
-<p>Esther zette haar klein, dik zoontje op het kussen en ging heen met
-een blik vol liefde en zorg.</p>
-<p>En Judy nam het kleine ventje in hare armen, en trok de beddelakens
-over hun beider hoofd, <span class="pagenum">[<a id="pb76" href="#pb76"
-name="pb76">76</a>]</span>en hield hem stevig, bijna wanhopig een
-minuut of twee tusschen hare armen gekneld, en verborg haar gezicht in
-zijn zacht, dik nekje en kuste hem tot hare lippen pijn deden.</p>
-<p>Hij verweerde zich dapper tegen deze gewelddadige handelwijze, en
-protesteerde ten laatste, met een woedenden kreet, tegen <span class="corr" id="xd26e1484" title="Bron: gemoord">gesmoord</span> te worden.
-Dus wierp zij het dek weg en stapte uit bed, en liet hem tusschen de
-kussens rondkruipen, en uit een gaatje in een er van de veertjes
-plukken.</p>
-<p>Zij kleedde zich haastig en zenuwachtig, maakte het haar met meer
-zorg dan gewoonlijk op, en ging toen met den Generaal naar de
-kinderkamer. Alle anderen waren hier, en klaarblijkelijk waren zij met
-Esther over haar aan het spreken. De drie meisjes keken bedroefd en
-verontwaardigd; Pip was juist terecht gezet, omdat hij oneerbiedig over
-zijn vader had gesproken, en zag gemelijk voor zich uit; en Bunby, niet
-wetende wat hij anders zou doen in zulk een hachelijk oogenblik, was
-vliegen gaan vangen en trok haar wreedaardig de vleugels uit.</p>
-<p>Het was een somber ontbijt. De bel weerklonk <span class="pagenum">[<a id="pb77" href="#pb77" name="pb77">77</a>]</span>als
-teeken dat de koffie beneden klaar was, en Esther moest dus de kinderen
-alleen laten. Een ieder presenteerde Judy van alles, wat op de tafel
-stond, en sprak haar beleefd toe. Zij scheen niet meer hun gelijke te
-zijn, maar een persoontje, dat niet zoo lichtvaardig behandeld kon
-worden terwille der waardigheid, die het groote verdriet haar gaf. Hare
-japon was nieuw&mdash;een keurig, blauw serge kleedje, direct uit de
-handen der naaister; hare laarzen waren glimmend gepoest, hare kousen
-zonder luchtgaatjes. Dit alles werkte er toe mede, om haar eene Judy te
-maken geheel verschillend van de slordige en drukke Judy van een paar
-dagen geleden, die gewoonlijk aan het ontbijt kwam, er uit ziende,
-alsof hare kleederen met eene hooivork op haar geworpen waren.</p>
-<p>Baby wijdde zich &eacute;&eacute;ne minuut aan hare gort, maar toen
-overstelpten haar hare aandoeningen, en, met een zwakken klaagtoon,
-liep zij om de tafel naar Judy, en hing zich snikkend aan haar arm. Dit
-verstoorde het evenwicht van het geheele gezelschap. Nell pakte den
-anderen arm en wiegde zich heen en weer in een aanval van <span class="pagenum">[<a id="pb78" href="#pb78" name="pb78">78</a>]</span>troosteloosheid. Meg&rsquo;s tranen droppelden in
-haar kopje; Pip duwde zijn hiel in het vloerkleed, en begreep maar
-niet, wat zijne oogen scheelden; en zelfs begon Bunby minder smaak in
-zijn boterham te krijgen.</p>
-<p>Judy zat zwijgend voor het bord, dat zij ongebruikt weggeschoven
-had, en dat zij met eene uitdrukking van diepe wanhoop op haar jong
-gezichtje aanstaarde. Zij zag er uit als eene miniatuur koningin uit
-eene tragedie, die op het punt is, naar de plaats der terechtstelling
-gebracht te worden.</p>
-<p>Bunby liet zich van zijn stoel glijden, dekte zijn kop koffie met
-den schotel van wege de vliegen, en verliet met plechtigen stap de
-kamer. Een oogenblik later kwam hij terug met eene zuurflesch, waarin
-een groote, groene kikvorsch zat.</p>
-<p>&ldquo;Hem mag je houden voor jou alleen, Judy!&rdquo; zeide hij, op
-bijna hartbrekend droevigen toon. &ldquo;Je zult op school misschien
-nog wel eens om hem lachen.&rdquo;</p>
-<p>Zelfopoffering kan niet verder gaan, want deze kikvorsch was de
-lieveling van Bunby&rsquo;s hart.</p>
-<p>Dit prikkelde de anderen; ieder haalde een <span class="pagenum">[<a id="pb79" href="#pb79" name="pb79">79</a>]</span>geschenk
-en legde het als souvenir op Judy&rsquo;s altaar. Meg bracht een
-armband, gemaakt van haar van een gestorven <span class="corr" id="xd26e1510" title="Bron: lievelings pony">lievelingspony</span>, Pip
-gaf zijn zakmes met drie messen, Nell een muskuspot dien zij een jaar
-lang begoten en verzorgd had, Baby eene pop met gebroken neus, de
-Benjamin van hare groote poppenfamilie.</p>
-<p>&ldquo;Doe alles in den koffer, Meg&mdash;bovenin is nog plaats,
-denk ik,&rdquo; zeide Judy met verstikte stem, diep getroffen door deze
-geschenken. &ldquo;O, Bunby, beste jongen! doe een kurk op de flesch
-met den kikkert, hij zou eens verloren kunnen gaan, tusschen al die
-kleeren!<span class="corr" id="xd26e1515" title="Niet in bron">&rdquo;</span></p>
-<p>&ldquo;Ja wel,&rdquo; zeide Bunby<span class="corr" id="xd26e1520"
-title="Bron: ,">.</span> &ldquo;Je zult goed op hem passen, nietwaar,
-Judy? O, lieve hemel! O! O!&rdquo;</p>
-<p>Toen kwam Esther de kamer binnen, nog altijd met een bekommerd
-gelaat.</p>
-<p>&ldquo;De dogcart is voor,&rdquo; zeide zij. &ldquo;Ben je klaar,
-Judy, beste meid? Mijne lieve Judy, houd je nu dapper,
-vrouwtje!&rdquo;</p>
-<p>Maar Judy was bleek als eene doode, en scheen niet te begrijpen, wat
-er om haar gebeurde. Zij liet toe dat Esther haar den hoed opzette,
-haar <span class="pagenum">[<a id="pb80" href="#pb80" name="pb80">80</a>]</span>in haar nieuw manteltje hielp en haar de
-handschoenen in de hand gaf. Zij liet zich door de geheele familie
-kussen, half de trap afdragen door Esther, weer door de meisjes zoenen,
-toen door de twee goedhartige dienstboden, die ondanks hare pekelzonden
-voor haar eene warme genegenheid koesterden.</p>
-<p>Esther en Pip tilden haar in den dogcart, en zij zat ineen gedoken
-en scheef op de bank, en keek met oogen, die waarlijk tragisch waren in
-hunne groote wanhoop, naar de groep in de veranda. Haar vader kwam naar
-buiten, hij knoopte zijne overjas dicht, en zag haar blik.</p>
-<p>&ldquo;Wat is dat voor gekheid?&rdquo; zeide hij driftig
-&ldquo;Esther&mdash;groote Hemel! stel jij je ook al zoo dom
-aan?&rdquo;&mdash;groote tranen <span class="corr" id="xd26e1535"
-title="Bron: schitterde">schitterden</span> in de mooie oogen zijner
-vrouw. &ldquo;Waarachtig, men zou kunnen denken, dat ik het kind
-meeneem om opgehangen te worden, of haar naar een verbeteringsgesticht
-ging brengen.&rdquo;</p>
-<p>Een luide, hikkende snik kwam over Judy&rsquo;s witte lippen.</p>
-<p>&ldquo;Als u mij thuis zou willen laten blijven, vader, <span class="pagenum">[<a id="pb81" href="#pb81" name="pb81">81</a>]</span>zal ik u
-nooit meer boos maken; u kan me voor straf slaan, zoo hard u maar
-wil.&rdquo;</p>
-<p>Het was hare laatste poging, hare laatste hoop, en zij beet op hare
-arme, trillende lip, tot deze bloedde, terwijl zij op antwoord
-wachtte.</p>
-<p>&ldquo;Laat haar hier blijven&mdash;o! toe, laat haar hier blijven!
-We zullen altijd zoet zijn!&rdquo; klonk het in koor uit de veranda.
-En: &ldquo;Laat haar hier blijven, John!&rdquo; riep Esther, op een
-toon, even smeekend als die der kinderen.</p>
-<p>Maar de kapitein sprong in den dogcart, en nam de teugels in eene
-uitbarsting van woede van Pat over.</p>
-<p>&ldquo;Ik geloof, dat jelui allemaal bezeten zijt!&rdquo; schreeuwde
-hij. &ldquo;Zij zal het daar ginds uitstekend hebben, ik heb drie
-maanden vooruit voor haar betaald, en dat verzeker ik jelui, ik gooi
-mijn geld niet voor niets weg!&rdquo;</p>
-<p>Hij gaf het paard een tikje met de zweep, en een minuut later was de
-dogcart aan gene zijde van het hek, en het kleine, ongelukkige
-gezichtje kon niet meer gezien worden. <span class="pagenum">[<a id="pb82" href="#pb82" name="pb82">82</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch6" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e289">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p082width"><img src="images/p082.jpg" alt="&ldquo;Baby&rsquo;s wraak.&rdquo;" width="481" height="332">
-<p class="figureHead">&ldquo;Baby&rsquo;s wraak.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK VI.</h2>
-<h2 class="main">HOE SCHOON IS DE LEEFTIJD VAN ZESTIEN JAAR.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Meg had altijd mooi haar gehad, maar een paar maanden geleden had
-zij zich ponyhaar geknipt, en begon dit iederen avond in
-papillottenpapier te wringen. En in hare latafel stond een jampotje
-gevuld met havermeel, dat zij in haar waschwater gebruikte, want zij
-had gelezen, dat dit een uitstekend middel was om het teint te
-verfraaien. En iederen avond smeerde zij hare handen met vaseline in en
-sliep met oude glac&eacute;-handschoenen aan. En haar geld gaf zij uit
-aan <span class="pagenum">[<a id="pb83" href="#pb83" name="pb83">83</a>]</span>een zeker water, dat de kleine bruine vlekjes zou
-wegwisschen, die de zon op haar gelaat getooverd had, en het, hoe dan
-ook, een zeker karakter gaven.</p>
-<p>Al deze dingen waren het gevolg hiervan, dat Meg zestien was, en dat
-zij eene vriendin gevonden had, die zeventien jaren telde.</p>
-<p>Aldith MacCarthy leerde Fransch bij denzelfden leeraar, naar wien
-Meg nu tweemaal in de week ging, en nadat chocolaadjes en haarlinten
-gegeven en aangenomen, en familieconfidenties gedaan en aangehoord
-waren, ontstond er eene innige vriendschap tusschen haar.</p>
-<p>Aldith had drie volwassen zusters, die zij in alle opzichten
-na&auml;apte, en bezat veel meer kennis van de wereld dan de
-eenvoudige, romantische Meg.</p>
-<p>Zij leende Meg romans en novellen, evenals tijdschriften voor jonge
-dames, en het jonge meisje verdiepte er zich met groote belangstelling
-in, verbaasd over de nieuwe wereld, waarin zij werd binnengeleid; want
-Charlotte Yonge en Louise Alcott en Miss Wetherell waren tot nu toe
-uitsluitend hare lectuur geweest. <span class="pagenum">[<a id="pb84"
-href="#pb84" name="pb84">84</a>]</span></p>
-<p>Meg begon rooskleurige droomen te droomen van den tijd, waarin haar
-mooi, glanzend haar &ldquo;in eene eenvoudige wrong&rdquo; zou worden
-opgestoken of boven haar voorhoofd zou worden gelegd als &ldquo;eene
-kroon, even schoon als die eener koningin,&rdquo; want dit waren de
-twee manieren, waarop de heldinnen in de novellen het haar kapten. Een
-gevlochten varkensstaartje was al zeer weinig romantisch. Dit was de
-reden waarom zij, als eene soort van voorbereidende maatregel, ponyhaar
-geknipt had, en het einde van hare vlecht begon te krullen. Haar vader
-staarde haar aan, en zeide, dat zij er uit zag als een winkelmeisje,
-toen hij deze veranderingen voor het eerst opmerkte, en Esther vertelde
-haar, dat zij een dom schepsel was, maar de spiegel en Aldith stelden
-haar weer gerust.</p>
-<p>De zorg, die nu aan de beurt kwam, was die van steelsgewijze hare
-japonnen langer te maken, welke in de periode waren van nog niet lang
-en niet meer kort te zijn. In de eenzaamheid van hare slaapkamer nam
-zij twee of drie van hare rokken van den band, voorzag ze aan den
-bovenkant <span class="pagenum">[<a id="pb85" href="#pb85" name="pb85">85</a>]</span>van eene reep voering om ze te verlengen, en
-naaide eene strook onder om hare lijfjes, ten einde de voering te
-bedekken. Hierdoor werden hare rokken een goeden twee duim langer, wat
-haar een lang, slank figuurtje gaf, zooals zij zelve zeer goed
-wist.</p>
-<p>In geen van deze dingen stak eigenlijk kwaad.</p>
-<p>Maar Aldith begon hare taille langzamerhand geheel onmogelijk te
-vinden.</p>
-<p>&ldquo;Je hebt minstens drie-en-twintig, Marguerite,&rdquo; zeide
-zij eens, vol ongehuichelden schrik.</p>
-<p>Zij noemde hare vriendin nooit Meg, want deze naam was &ldquo;te
-familiaar en volstrekt niet welluidend.&rdquo;</p>
-<p>Meg keek van hare eigen taille naar het dunne, elegante middeltje
-van hare vriendin, en zuchtte diep.</p>
-<p>&ldquo;Wat moest ik eigenlijk hebben?&rdquo; zeide zij neerslachtig;
-en Aldith had geantwoord, &ldquo;achttien&mdash;of negentien hoogstens,
-Marguerite! Ware symmetrische bevalligheid kan nooit bereikt worden met
-een middel van drie-en-twintig duim in omtrek.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb86" href="#pb86" name="pb86">86</a>]</span></p>
-<p>Aldith had niet alleen feiten opgemerkt en vergelijkingen gemaakt,
-zij had hare vriendin ook praktischen raad gegeven, en had haar
-getoond, hoe zij handelen moest. En iederen avond en iederen morgen
-trok Meg haar corsetveter steviger aan, en perste haar fijn, teeder
-lichaam in eene steeds engere ruimte. Zij had reeds een omtrek van
-een-en-twintig duim bereikt, hetgeen zuiver twee duim winst beteekende,
-en zij had al hare japonnen ingenomen.</p>
-<p>Maar zij speelde &rsquo;s avonds niet meer mede cricket, en wilde
-aan geen enkel spel meedoen, waarbij hard loopen te pas kwam, zeer tot
-misnoegen der anderen. Niemand, die het zachte gezichtje, liefelijk als
-een bloesem, zag, en de vriendelijke, kalme oogen, zou gegist hebben
-welk eene marteling er verdragen werd onder het nu sierlijke, goed
-zittende japonlijfje. Vlug <span class="corr" id="xd26e1603" title="Bron: wandedelen">wandelen</span> was eene ware kwelling; bukken,
-bijna folterpijn; maar zij verdroeg dit alles met een heldenmoed, eene
-waarlijk edele zaak waardig.</p>
-<p>&ldquo;Hoe lang zal ik daar nu nog mede moeten voortgaan,
-Aldith?&rdquo; vraagde zij eens met zwakke <span class="pagenum">[<a id="pb87" href="#pb87" name="pb87">87</a>]</span>stem, na
-eene Fransche les gedurende welke zij zich bijna niet had kunnen goed
-houden. En het andere meisje antwoordde onverschillig: &ldquo;O, je
-moet nu natuurlijk niet ophouden, je zult eens zien, over een poosje
-voel je er niets meer van.&rdquo;</p>
-<p>Na deze verzekering zette Meg hare pijn veroorzakende pogingen
-voort.</p>
-<p>Esther, de eenige, die in deze zaak eenigen invloed had kunnen
-hebben, had niets gemerkt, en, had zij dit wel gedaan, dan zou zij er
-zich nog niet ernstig over bekommerd gemaakt hebben, want het was eerst
-vier jaar geleden sedert ook zij zestien geweest was, en een &ldquo;dun
-middeltje&rdquo; voor haar het begeerlijkste van de geheele wereld
-geweest was.</p>
-<p>Eens had zij zonder bijgedachte gezegd:</p>
-<p>&ldquo;Wat krijg je een goed figuurtje, Meg! De nieuwe naaister
-maakt zeker beter dan Miss Quinn!&rdquo; en de dwaze Meg, het hart
-kloppend van vreugde, had zich voorgenomen, hare pogingen te
-verdubbelen.</p>
-<p>De lynx-oogige Judy zou alles zeker spoedig ontdekt hebben, en zou
-haar lachend beschaamd <span class="pagenum">[<a id="pb88" href="#pb88"
-name="pb88">88</a>]</span>hebben, maar ongelukkig voor Meg&rsquo;s
-gezondheid was zij op school,&mdash;er waren reeds bijna drie maanden
-sedert haar vertrek verloopen.</p>
-<p>Aldith woonde ongeveer twintig minuten wandelen van Misrule, en dus
-waren de twee meisjes veel samen. Tweemaal in de week gingen zij per
-stoomboot naar de stad om in beleefd Fransch te leeren vragen:
-&ldquo;Heeft de jonge dochter van den bakker den gelen hoed, de bruine
-handschoenen, en de parasol van de nicht van den aannemer?&rdquo;</p>
-<p>En tweemaal in de week, nadat zij zonder den minsten samenhang
-geantwoord hadden: &ldquo;Neen, maar de chirurgijn had bier, mosterd,
-en de tafelgong,&rdquo; vertoonden zich Aldith en hare vriendin op de
-wandelplaats, waar de Sydneysche jeugd en beau-monde gewoonlijk
-wandelde,&mdash;het &ldquo;Block.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Nu zullen wij eens gaan zien, hoeveel hoeden ik kan laten
-afnemen!&rdquo; zeide Miss Aldith, wanneer zij zich op weg begaven, en
-bij het einde van den tocht zuchtte Meg: &ldquo;Hoe heerlijk moet het
-zijn, zooveel heeren te kennen als jij!&rdquo;</p>
-<p>Somtijds gebeurde het, dat een of twee jonge <span class="pagenum">[<a id="pb89" href="#pb89" name="pb89">89</a>]</span>lieden
-bleven staan, en de meisjes aanspraken, en dan stelde Aldith hen
-plechtig aan Meg voor, dikwijls evenwel meende deze, die,
-niettegenstaande al hare dwaasheid, scherp genoeg opmerkte, iets
-beschermends, min of meer spotachtigs in de manieren der heeren waar te
-nemen. En werkelijk was dit dikwijls zoo; het waren hoofdzakelijke
-heeren, die Aldith tehuis op een danspartijtje of bij het tennisspel
-had leeren kennen, en die deze jonge dame een vroeg rijp kind vonden,
-voor wie het hoogst gewenscht was, dat zij nog eenige jaren van de
-school zou profiteeren.</p>
-<p>Eens op een dag kwam Aldith op Misrule&mdash;houding, gebaren, stem,
-alles sprak van eene hooge, geheimzinnige gewichtigheid. &ldquo;Kom
-mede naar den tuin, Marguerite!&rdquo; zeide zij, zonder de minste
-notitie van Baby te nemen, die, met groote moeite, hare oudste zuster
-had overgehaald, haar het altijd even boeiende verhaal van de drie
-kleine varkentjes te vertellen.</p>
-<p>&ldquo;O, neen, bij het haar van mijn baard aan mijn kin, ik zal
-proesten en blazen tot je huisje valt in,&rdquo; was nog maar tweemaal
-gezegd geworden, <span class="pagenum">[<a id="pb90" href="#pb90" name="pb90">90</a>]</span>en het spannendste gedeelte moest nog komen.</p>
-<p>Baby keek op met verontwaardigde oogen.</p>
-<p>&ldquo;Ga weg, Aldiff!&rdquo; zeide zij.</p>
-<p>&ldquo;Miss MacCarthy, Baby!&rdquo; verbeterde Meg vriendelijk,
-Aldith&rsquo;s half verachtelijken glimlach opmerkende.</p>
-<p>&ldquo;Aldiff!&rdquo; herhaalde Baby koppig. Toen scheen zij berouw
-te hebben, en sloeg een kleinen arm liefkoozend om haar zusters
-hals.</p>
-<p>&ldquo;Ik zal aan Miff MacCarfy zeggen, dat je eerst verder moet
-vertellen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;O, zend haar weg, Marguerite!&rdquo; zeide Aldith ongeduldig.
-&ldquo;Ik heb je een zeer belangrijk geheim mee te deelen, en ik heb
-buitendien haast.&rdquo;</p>
-<p>Meg was dadelijk een en al belangstelling.</p>
-<p>&ldquo;Ga nu heen, Baby!&rdquo; zeide zij, en kuste het
-teleurgestelde gezichtje; &ldquo;ga met Bunby met de ark spelen, ik zal
-het vertelseltje van avond of morgen uit vertellen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Maar ik wil nu het eind hooren!&rdquo; zeide Baby
-volhoudend.</p>
-<p>Meg schoof haar vriendelijk op zijde. &ldquo;Neen, ga nu heen, klein
-zusje&mdash;ga nu heen als eene <span class="pagenum">[<a id="pb91"
-href="#pb91" name="pb91">91</a>]</span>beste meid, en ik zal je morgen
-ook nog van Roodkapje vertellen.&rdquo;</p>
-<p>Baby keek naar de bezoekster harer zuster.</p>
-<p>&ldquo;Je bent een akelig spook, Aldiff MacCarfy<span class="corr"
-id="xd26e1666" title="Niet in bron">,</span>&rdquo; zeide zij langzaam
-en met nadruk, &ldquo;en ik heb een hekel aan je, en wij allen hebben
-een hekel aan je, behalve Meg, en Pip zegt, dat je het naarste wicht
-ben, dat bestaat, en ik wou, dat er een groote reus kwam, die blazen
-zou en proesten, tot je midden in de zee lag.&rdquo;</p>
-<p>Aldith lachte, een klein tartend, wijs lachje, dat de maat van
-Baby&rsquo;s woede deed overloopen. Zij strekte hare kleine hand uit en
-gaf den arm der jonge dame in zijn mousselinen mouw een fijn
-welbestudeerd kneepje, dat Pip haar geleerd had. Toen holde zij als
-eene dwaze de groene grasvelden over naar het boschje, dat zich aan
-gene zijde bevond.</p>
-<p>&ldquo;Onuitstaanbaar!&rdquo; pruttelde Aldith boos, en Meg moest
-zich uitputten in verontschuldigingen en vriendelijke woordjes, om haar
-weer in een goed humeur te brengen, en haar over te halen, het zeer
-belangrijke geheim te vertellen. Ten laatste, <span class="pagenum">[<a id="pb92" href="#pb92" name="pb92">92</a>]</span>evenwel,
-werd het haar geopenbaard, en wel met indrukwekkende plechtigheid.
-Aldith&rsquo;s oudste zuster was verloofd! O, was dat niet hemelsch?
-was het niet romantisch?&mdash;en met den mijnheer met den blonden
-snor, die in den laatsten tijd zoo dikwijls bij hen aan huis was
-geweest.</p>
-<p>&ldquo;Ik wist, dat het zoo zou gaan&mdash;ik heb het al lang zien
-aankomen. O, men kan niet gemakkelijk iets voor mij verbergen!&rdquo;
-zeide Aldith. &ldquo;Ik herken ware liefde dadelijk. Maar voor mijzelve
-zou ik zeker de voorkeur geven aan een donkeren snor, jij ook niet,
-Marguerite?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ja-a!&rdquo; zeide Meg. Hare meening in dit opzicht was nog
-nauwelijks gevestigd.</p>
-<p>&ldquo;Gitzwart, met zeer stijfstaande uiteinden,&rdquo; vervolgde
-Aldith peinzend, &ldquo;en eene militaire houding en heel lange, zwarte
-wimpers.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Dat zou ook mijn smaak zijn,&rdquo; zeide Meg, opeens vol
-vuur. &ldquo;Zooals Guy Deloraine in &ldquo;Angelina&rsquo;s
-eerzuchtige Droomen.&rdquo;&rdquo;</p>
-<p>Aldith sloeg haar arm inniger om hare vriendin.</p>
-<p>&ldquo;Zou het niet hemelsch zijn, Marguerite, als jij en
-ik&mdash;eens geëngageerd waren?&rdquo; zeide zij, <span class="pagenum">[<a id="pb93" href="#pb93" name="pb93">93</a>]</span>als in
-droomerige verrukking. &ldquo;Denk eens aan, hoe zalig het zijn moet
-als een donkere knappe man met trotsche, zwarte oogen, smoorlijk
-verliefd op je is, je op de handen draagt, je cadeaux geeft en met je
-uitgaat&mdash;o, Marguerite, wat moet dat goddelijk zijn!<span class="corr" id="xd26e1690" title="Bron: &rsquo;">&rdquo;</span></p>
-<p>Meg keek peinzend voor zich uit. &ldquo;Daar zijn wij, geloof ik,
-toch nog niet oud genoeg voor!&rdquo; zeide zij met een zucht.</p>
-<p>Aldith wierp haar hoofd achterover. &ldquo;Dat is onzin; Clara
-Allison is niet ouder dan zeventien, en denk aan eens je eigen
-stiefmoeder. Eene menigte meisjes zijn al getrouwd als zij zestien
-zijn, Marguerite! en mijne zuster Beatrice werd ten huwelijk gevraagd,
-toen zij nog maar vijftien was.&rdquo;</p>
-<p>Deze woorden schenen indruk op Meg te maken. Zij keek stil voor zich
-uit.</p>
-<p>Toen stond Aldith op om heen te gaan. &ldquo;Denk er aan, dat je
-morgen op tijd aan de boot bent,&rdquo; zeide zij, terwijl zij naar het
-hek wandelden; &ldquo;en, Marguerite, kleed je nu eens heel netjes
-aan&mdash;trek je koornbloemen-blauwe japon aan,&mdash;en zie eens of
-Mrs. Woolcot je niet een paar handschoenen <span class="pagenum">[<a id="pb94" href="#pb94" name="pb94">94</a>]</span>zou
-willen leenen, je grijze paar ziet er niet meer zeer frisch uit,
-<span class="corr" id="xd26e1703" title="Bron: vindt">vind</span> je
-zelf ook wel?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Neen, neen zeker niet!&rdquo; zeide Meg blozend.</p>
-<p>&ldquo;En Mr. James Graham komt altijd terug met onze boot, en de
-twee Courtney&rsquo;s ook&mdash;Andrew Courtney zeide aan Beatrice, dat
-hij je een heel aardig <span class="corr" id="xd26e1711" title="Bron: pensoontje">persoontje</span> vond; hij merkt je dikwijls op,
-zegt hij, omdat je altijd zoo bloost.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik kan daar toch heusch niets aan doen!&rdquo; zeide Meg op
-ongelukkigen toon. &ldquo;Aldith, hoe moet het lint op mijn hoed
-genaaid worden? Ik wilde het er opnieuw opzetten.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;O, vierkante lussen, min of meer stijf, en goed op
-zijde!&rdquo; zeide het orakel. &ldquo;Ik ben blij, dat je den hoed
-onder handen neemt, beste! hij zag er heusch erg slordig en verlept
-uit.&rdquo;</p>
-<p>Meg bloosde weer.</p>
-<p>&ldquo;Ben je al klaar met je Fransch?&rdquo; zeide zij, en opende
-het hek.</p>
-<p>&ldquo;Ik zal het er maar voor houden!&rdquo; zeide Aldith
-onverschillig. Toen hief zij haar kin omhoog.</p>
-<p>&ldquo;Die zedige meisjes Smith schijnen er altijd eene eer in te
-stellen, om geen fouten te maken; <span class="pagenum">[<a id="pb95"
-href="#pb95" name="pb95">95</a>]</span>en Janet Green, wier hoeden
-altijd vier modes ten achteren zijn, ook; ik vergis mij liever eens een
-paar maal, als was het alleen maar om te laten zien, dat ik niet hard
-behoef te leeren, en later onderwijzeres worden.&rdquo;</p>
-<p>Maar juist in dit oogenblik struikelde zij, en viel in hare volle
-lengte op zeer onbevallige wijze neer, dwars over het modderige
-pad.</p>
-<p>Een stuk touw en Baby&rsquo;s wraak waren hier de oorzaak van.</p>
-<div class="figure o095width"><img src="images/o095.png" alt="Ornament." width="103" height="77"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb96" href="#pb96" name="pb96">96</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch7" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e299">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p096width"><img src="images/p096.jpg" alt="&ldquo;... dat zij hevige zenuwhoofdpijn had, en dat hij naar Esther of een der meiden moest gaan.&rdquo;"
-width="483" height="325">
-<p class="figureHead">&ldquo;&hellip; dat zij hevige zenuwhoofdpijn
-had, en dat hij naar Esther of een der meiden moest gaan.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK VII.</h2>
-<h2 class="main">&ldquo;WAT ZEGT GE VAN EEN VERLIEFD HART?&rdquo;</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Meg zag er zeer slecht uit, daar was geen twijfel aan. Hare mooie
-rozige gelaatskleur verloor hare frischheid, eene uitdrukking van
-prikkelbaarheid groefde een trek om den mond, die eenige maanden
-geleden alleen voor glimlachjes scheen geschapen te zijn. En, het was
-treurig onromantisch, maar, haar neus was van tijd tot tijd bijzonder
-rood. Nu kan eene heldin de grootste, diepste oogen, de langste
-wimpers, die <span class="pagenum">[<a id="pb97" href="#pb97" name="pb97">97</a>]</span>maar mogelijk zijn, hebben; zij kan haar hebben
-gelijk aan het goud, dat &ldquo;in den oogsttijd tot schoven wordt
-gebonden&rdquo;; zij kan lippen bezitten als kersen en tanden als
-paarlen, en een roode neus zal al deze bekoorlijkheden vernietigen. Hij
-berokkende Meg ware zielsangsten. Zij las met de grootst nauwgezetheid
-alle antwoorden in de &ldquo;Correspondentie&rdquo; der verschillende
-tijdschriften, die Aldith haar leende, om haar te helpen in haar zoeken
-naar een geneesmiddel. Maar bijna iedereen scheen recepten te vragen om
-den groei der oogharen te bevorderen of om <i>embonpoint</i> te
-voorkomen. Geen enkel antwoord, dat haar onder de oogen kwam, zeide:
-Een roode neus bij jonge meisjes wordt gewoonlijk veroorzaakt door
-slechte spijsvertering of door te nauw rijgen.&rdquo; Zij vraagde
-Aldith haar een raad te geven, en deze jonge dame dacht, dat hare
-vriendin de gewenschte uitkomst zou verkrijgen, door vaseline en
-zwavel, goed vermengd, op het lichaamsdeel in quaestie te leggen. En nu
-sloot Meg iederen avond de deur van haar slaapvertrek door middel van
-een eigen gemaakten grendel, want sleutels waren op Misrule
-<span class="pagenum">[<a id="pb98" href="#pb98" name="pb98">98</a>]</span>eene ongekende weelde, en bestreek haar armen,
-kleinen neus hoogst zorgvuldig met het vette geneesmiddel, waarnaar zij
-den geheelen nacht op haar rug moest blijven liggen, om te voorkomen
-dat zij het aan haar kussen zou wrijven.</p>
-<p>Eens was Pip in haar kamertje doorgedrongen om haar te vragen, zijne
-bretels even te willen naaien; zij was toen genoodzaakt geweest,
-haastig een handdoek om haar hoofd te slaan en te zeggen, dat zij
-hevige zenuwhoofdpijn had, en dat hij maar naar Esther of een van de
-meiden moest gaan. Had hij de oorzaak dezer weigering gekend en gezien,
-dan zou er geen einde aan de plagerijen gekomen zijn.</p>
-<p>In den laatsten tijd bracht Meg een groot gedeelte van den dag in
-hare slaapkamer door, die nu, sedert Judy&rsquo;s vertrek, van haar
-alleen was. In de eenzaamheid garneerde zij hare hoeden en veranderde
-ze telkens weer, vermaakte zij hare japonnen, las zij hare novellen, en
-zat met hangende haren voor haar spiegel, peinzende over den tijd,
-waarin zij &ldquo;groot&rdquo; zou zijn en een man haar hart zou
-geschonken hebben. Want haar en Aldith scheen alleen deze periode van
-het <span class="pagenum">[<a id="pb99" href="#pb99" name="pb99">99</a>]</span>leven liefelijk en begeerlijk. Meg vlijde zich
-gaarne in een grooten leunstoel, die naar hare kamer was verbannen,
-omdat de veeren gesprongen waren, en droomde dan lang schoone, ijdele
-droomen van een minnaar met &ldquo;lange zwarte wimpers en eene
-militaire houding&rdquo;. Natuurlijk was het hoogst laakbaar op haar
-teederen leeftijd van zestien jaren zulke gedachten te hebben, maar dan
-moeten wij bedenken, dat het meisje geene moeder had, die deze
-verdoolde phantasie weer op het goede pad had kunnen brengen, en dat
-zij eene dochter van het Zuiden was.</p>
-<p>Australische meisjes beginnen bijna altijd veel eerder over
-&ldquo;vrijages en zulken onzin&rdquo;, zooals ouderwetsche menschen
-zeggen, te denken, dan hare Engelsche zusters. Terwijl zij nog in de
-korte-jurken-periode zijn, en terwijl haar haar nog los op haar rug
-hangt, stellen zij de levendigste belangstelling in jongens van de
-naburige scholen, broers van andere meisjes, jonge klerken, en
-dergelijken. Niet omdat zij goede speelkameraden zouden kunnen zijn,
-maar omdat zij hen beschouwen in het licht van mogelijke aanstaande
-<span class="pagenum">[<a id="pb100" href="#pb100" name="pb100">100</a>]</span>&ldquo;hartsvrienden&rdquo;. Ik zeg niet, dat
-Engelsche meisjes nooit aan zulke dingen denken. Volstrekt niet; in
-iedere school zullen er wel een of twee dwaze, giggelende jonge
-schepseltjes met soortgelijke neigingen te vinden zijn, die met een pak
-klappen weer naar haar cricket en hare poppen toe moesten gezonden
-worden. Maar in dit land der jeugd is het meer regel dan uitzondering,
-en dit is de grootste fout van het zeer jonge Australische meisje. Zij
-is als eene perzik, eene mooie, gave perzik, die bijna in
-&eacute;&eacute;n dag tot rijpheid is gekomen, en die haast heeft het
-teedere waas te vernielen dat haar grootste bekoorlijkheid is, alleen
-om hare schitterende, warme kleur duidelijker te doen uitkomen. Aldith
-had, tot hare voldoening, haar eigen &ldquo;waas&rdquo; weggewreven, en
-was op het oogenblik druk bezig dat van Meg te doen verdwijnen, dat
-zeer zacht en liefelijk was, voor zij er aan raakte. De novellen hadden
-iets weggenomen en het &ldquo;Block&rdquo; nog iets meer, maar zij was
-van nature verstandig, en het duurde lang, eer men aan haar eene
-verandering kon bespeuren. En nu, onder voogdijschap harer <span class="pagenum">[<a id="pb101" href="#pb101" name="pb101">101</a>]</span>vriendin, was zij binnengeleid in de
-verrukkelijke geheimen der liefdesavonturen, en voorloopig vervulde de
-gedachten daaraan haar eenigszins doelloos jong leven. Maar dit alles
-eindigde met eene gebeurtenis, welker herinnering haar nog jaren daarna
-een pijnlijken blos op de wangen jaagde.</p>
-<p>Na de Fransche les, die zij, als ik reeds vertelde, tweemaal in de
-week namen, kwamen de vriendinnen gewoonlijk met de boot van vijf uur
-terug. En op deze boot waren ook altijd twee jonge lui, die den naam
-Courtney droegen, en een derde jonge man, Aldith&rsquo;s bijzonder
-eigendom, James Graham. Nu was het jonge volkje met elkaar in kennis
-gekomen op picnics en dergelijke feestjes in den omtrek, maar deze
-kennismaking, in plaats van, nu zij elkaar meermalen ontmoetten, te
-rijpen tot eene hartelijke, aangename vriendschap, had aanleiding
-gegeven tot flauwe geheimzinnigheden en eene aanstellerige
-verliefdheid. James Graham, zeventien jaar oud, was werkzaam op het
-kantoor van een advocaat, en scheen weinig haast te hebben zich tot een
-flinken man te ontwikkelen. Hij droeg een stok, en was <span class="pagenum">[<a id="pb102" href="#pb102" name="pb102">102</a>]</span>zeer
-gesteld op een keurigen hoed en een hoog boord en mooie laarzen, die
-gewoonlijk van bruin leder waren. En hij bezat een knevel, zoo dun, als
-men er zich maar een kan verbeelden, dien hij met groote zorg
-behandelde, en dien Aldith aanbiddelijk vond. Aldith&rsquo;s
-levendigheid en gevatheid vielen in zijn smaak en binnen zeer korten
-tijd drukten zij elkander heimelijk briefjes in de hand, en zuchtten
-daarbij sentimenteel. Niet dat deze briefjes iets buitengewoons
-bevatten, zij waren gewoonlijk tamelijk vormelijk.</p>
-<p>&ldquo;Hooggeachte Miss MacCarthy&rdquo;, luidde bijvoorbeeld een.
-&ldquo;Waarom was u gisteren niet op de boot? Ik keek naar u uit
-zoolang ik maar eenigszins hopen kon, u nog te zien verschijnen, en
-moest toen een vervelenden tocht op het water maken. Wat staat die
-groote hoed u allerliefst, en die narcissen, die ge draagt, passen
-beeldig bij uwe japon. Zou ik u om een dezer bloemen mogen verzoeken?
-geef er mij &eacute;&eacute;ne, Aldith!</p>
-<p>Met eerbiedige hoogachting</p>
-<p class="signed">Uw vriend</p>
-<p class="signed"><span class="sc">James Graham</span>.&rdquo;
-<span class="pagenum">[<a id="pb103" href="#pb103" name="pb103">103</a>]</span></p>
-<p>En Aldith&rsquo;s antwoord, geschreven op een blaadje van haar
-notitieboekje met een rose potloodje, afkomstig van een balboekje, en
-dat zij altijd in hare beurs bij zich had, mocht den volgenden inhoud
-hebben:</p>
-<blockquote>
-<p class="first salute">&ldquo;Waarde Mr. Graham,</p>
-<p>Wat mag de reden zijn, dat ge de bloemen, die ik in mijne japon
-gestoken had, verlangt te bezitten? Ik heb ze den geheelen dag
-gedragen, en zij zijn verwelkt en slap. Ik kan mij niet verbeelden, wat
-gij aan haar zoudt hebben. Maar, indien u werkelijk op haar gesteld is,
-zal ik ze u natuurlijk geven. Ik ben zoo blijde, dat mijn hoed u
-bevalt. Ik zal hem nu altijd gaarne dragen. Heeft u mij werkelijk
-gisteren gemist? Ik liet mijn portret maken. Marguerite vindt, dat het
-zeer goed lijkt, ik <span class="corr" id="xd26e1792" title="Bron: vindt">vind</span> het werkelijk te geflatteerd.</p>
-<p>Met een vriendelijken groet</p>
-<p class="signed"><span class="sc">L. Aldith Evelyn
-MacCarthy</span>.&rdquo;</p>
-</blockquote>
-<p>Een groote vriend van Mr. James Graham was een der reeds genoemde
-Courtneys, en wel degene, dien men Andrew noemde. Hij was <span class="pagenum">[<a id="pb104" href="#pb104" name="pb104">104</a>]</span>een
-knappe jongen van achttien jaren, nog scholier, maar hij bezat hoogst
-innemende manieren en een paar waarlijk mooie oogen.</p>
-<p>En sedert zijn vriend en trouwe metgezel James begonnen was
-&ldquo;zich te interesseeren&rdquo; voor &ldquo;de kleine
-MacCarthy&rdquo;, bedankte hij er voor, geheel buiten alles te staan.
-Dus begon hij op in het oog loopende wijze werk te maken van Meg, die
-tot onder haar zacht, mooi ponyhaar bloosde, iederen keer dat hij tot
-haar sprak, en met een pijnlijk verlegen en schuldig gezicht voor zich
-keek, telkens als hij haar iets vleiends zeide.</p>
-<p>De andere jonge man, Alan Courtney, was zeer groot en breed van
-schouders, maar zijn gezicht was volstrekt niet bijzonder fraai. De
-uitdrukking van zijn gelaat was ernstig, zijne oogen waren grijs en
-lagen diep in zijn hoofd, zijne bruine haren zagen er uit, alsof hij ze
-gedurig den verkeerden kant op streek. Hij was student, speelde
-uitstekend voetbal, en vermaakte zich op weg naar huis, nooit op de
-manier van Andrew en diens vriend.</p>
-<p>Hij gaf gewoonlijk een nauwelijks merkbaar <span class="pagenum">[<a id="pb105" href="#pb105" name="pb105">105</a>]</span>knikje met het hoofd, wanneer hij voorbij de
-kleine groep kwam, nam zijn hoed zoo weinig mogelijk als met de
-voorschriften der beleefdheid in overeenstemming te brengen was, af, en
-liep door naar het verst verwijderde gedeelte der boot. Eens toen hij
-voorbij kwam, keek Aldith juist door hare wimpers heen smachtend zijn
-broeder aan, en Meg was er bijna zeker van dat zij hem bij zich zelf
-had hooren zeggen: &ldquo;Belachelijke zotten!&rdquo; Hij zat
-gewoonlijk eenzaam op de boot te rooken&mdash;sigaren bij het begin van
-de vaart, en tegen het einde haalde hij een kort, zwart, onaanzienlijk
-pijpje voor den dag&mdash;en Meg dacht dan heimelijk, dat hij er toch
-wel mannelijk uitzag, en dan zuchtte zij diep.</p>
-<p>Want ik kan u nu even goed als later vertellen, wat er met dit
-dwaze, kleine meisje gebeurd was, na enkele maanden den invloed van
-Aldith en der novellen ondergaan te hebben. Zij was verliefd geworden,
-en dit wel met eene innigheid zoo groot, als dit op den lieven leeftijd
-van zestien jaar maar mogelijk is; en het was op Alan, die niet
-vriendelijk keek, noch aangename <span class="pagenum">[<a id="pb106"
-href="#pb106" name="pb106">106</a>]</span>manieren had&mdash;niet op
-Andrew, die sprekende oogen bezat <span class="corr" id="xd26e1818"
-title="Bron: en, en">en</span> lokken, die &ldquo;zijn voorhoofd deden
-gelijken op de rijzende zon,&rdquo; niet op Andrew, die haar teedere
-blikken toewierp, en haar onder bedekte termen duizend maal verzekerde:
-&ldquo;Aan u heb ik mijn hart verloren,&rdquo; maar op Alan, die
-volstrekt geene notitie van haar nam dan bij gelegenheid door eene half
-spotachtige buiging.</p>
-<p>Arme Meg! Zij was zeer treurig in dezen tijd, en toch was het eene
-soort van zoete treurigheid, die zij koesterde en voor uitdooven
-bewaarde. Niemand vermoedde haar geheim. Zij zou liever gestorven zijn,
-dan er zelfs tegenover Aldith iets van te laten doorschemeren, en
-ontving Andrew&rsquo;s briefjes en glimlachjes alsof niets haar
-aangenamer kon zijn. Maar zij werd mager, hare oogen schenen steeds
-grooter te worden, en &rsquo;s avonds schreef zij lange verhalen in
-haar dagboek, en buitendien een snel aangroeiende verzameling
-gedichten, waarin &ldquo;hart&rdquo; en &ldquo;smart,&rdquo;
-&ldquo;traan&rdquo; en &ldquo;staan<span class="corr" id="xd26e1823"
-title="Niet in bron">,</span>&rdquo; &ldquo;zwerven&rdquo; en
-&ldquo;sterven,&rdquo; &ldquo;zucht&rdquo; en &ldquo;lucht&rdquo; de
-meest voorkomende rijmwoorden waren. Zij verdroeg Andrew <span class="pagenum">[<a id="pb107" href="#pb107" name="pb107">107</a>]</span>om
-verschillende redenen. Ten eerste was hij de broer van Alan, en
-vertelde altijd allerlei verhalen van &ldquo;Al,&rdquo; en pochte hij
-op de kranige figuur, die deze op het voetbalveld maakte; en dan zou
-Aldith haar geheim kunnen raden, indien zij hem geheel afstootte.
-Buitendien had Andrew de langste wimpers, die zij ooit gezien had, en
-zij moest toch iemand hebben, die haar allerlei aangenaams zeide, ook
-al was dit niet degene, van wien zij dit het liefst gehoord had.</p>
-<p>Maar eens op een dag kwam er eene crisis.</p>
-<p>&ldquo;Geen tochtjes meer met onze lieve boot, eene geheele maand
-lang!&rdquo; sprak Aldith, van haar hoekje in de kajuit.</p>
-<p>&ldquo;Dat is verschrikkelijk! Wat bedoelt u, Miss MacCarthy?&rdquo;
-zeide James Graham, met overdreven wanhopige stem.</p>
-<p>&ldquo;Monsieur H. heeft de klasse eene maand vacantie gegeven. Hij
-gaat naar Melbourne!&rdquo; antwoordde Aldith met een zucht.</p>
-<p>Meg zorgde plichtmatig voor de echo, en Andrew zeide woedend, dat
-Monsieur H. het hangen niet waard was. Hij zou wel eens willen weten,
-<span class="pagenum">[<a id="pb108" href="#pb108" name="pb108">108</a>]</span>waarom hij zoo onmenschelijk handelde; en hoe
-moesten Jim en hij hun leven in dien tusschentijd
-voortsleepen?&rdquo;</p>
-<p>James was degene, die dadelijk een middel wist, om het leed te
-verzachten.</p>
-<p>&ldquo;Zouden wij met ons vieren niet eens &rsquo;s avonds kunnen
-eraan wandelen?&rdquo; sloeg hij voor.</p>
-<p>Aldith en Andrew vonden dit voorstel schitterend; en hoewel Meg
-eerst vast besloten het hoofd geschud had, liet zij zich toch
-overhalen, en beloofde mede te zullen gaan.</p>
-<p>Zij zouden elkaar ontmoeten in een boschje, dat aan het verst
-verwijderde grasveld van Misrule grensde, ongeveer een uur wandelen, en
-tegen half acht terugkeeren, eer het donker werd.</p>
-<p>&ldquo;Ik zal je dien dag iets vragen, Meg!&rdquo; fluisterde Andrew
-toen zij op het punt waren, van elkander te scheiden. &ldquo;Ik ben
-benieuwd of ik het zal krijgen.&rdquo;</p>
-<p>Meg bloosde, zenuwachtig en onrustig, en vroeg zich zelve af, of hij
-haar om een haarlok zou verzoeken, iets, wat Jim reeds van Aldith
-gekregen had. <span class="pagenum">[<a id="pb109" href="#pb109" name="pb109">109</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Wat?&rdquo; zeide zij werktuigelijk.</p>
-<p>&ldquo;Een zoen!&rdquo; fluisterde hij.</p>
-<p>In het volgende oogenblik hadden de anderen zich bij hen gevoegd, en
-het antwoord vol verontwaardiging, dat haar op de lippen zweefde, bleef
-onuitgesproken. Zij moest hem zelfs hare hand geven, om het te doen
-schijnen, alsof er niets gebeurd was, en oogenschijnlijk als goede
-vrienden van elkander te gaan.</p>
-<p>&ldquo;Precies half zeven, Marguerite! Ik zou het je nooit vergeven,
-als je niet kwaamt!&rdquo; zeide Aldith, toen zij bij het hek afscheid
-namen.</p>
-<p>&ldquo;Ik&mdash;je&mdash;o Aldith! ik begrijp niet, hoe ik zal
-kunnen komen,&rdquo; stamelde Meg, weer met hoogroode wangen. &ldquo;Ik
-heb nog nooit zoo iets gedaan. Ik ben er van overtuigd, dat het niet
-goed is.&rdquo;</p>
-<p>Maar de minachtende trek om Aldith&rsquo;s mond maakte haar
-beschaamd over zich zelve<span class="corr" id="xd26e1867" title="Niet in bron">.</span></p>
-<p>&ldquo;Je bent geloof ik, twaalf jaar, Marguerite!&rdquo; zeide deze
-jonge dame kalm; &ldquo;je bent waarlijk niet ouder dan twaalf jaar! Je
-deedt beter met weer eene pop te nemen, en een prentenboekje
-<span class="pagenum">[<a id="pb110" href="#pb110" name="pb110">110</a>]</span>met fabeltjes. Ik zal Andrew vragen, om je een
-te koopen, en ook een stuk touw, om je in je tafelstoel vast te
-binden.&rdquo;</p>
-<p>Zulk een hoon was te veel voor Meg. Zij beloofde haastig en
-onvoorwaardelijk op den bepaalden tijd aanwezig te zullen zijn, en liep
-snel het voetpad op, om aan de roepstem der hard luidende bel voor de
-thee gehoor te geven.</p>
-<p>Gedurende de twee volgende dagen drukte haar geheim haar als een
-last van schuld, en zij verlangde vurig naar eene vertrouwde, die haar
-zou kunnen raden, hoe zij in deze netelige zaak moest handelen. Judy
-kon zij daarvoor niet kiezen: deze was te eerlijk, te verstandig, en
-had daarenboven te veel van een kind en een jongen&mdash;zij zou haar
-nooit zoo iets durven vertellen. Zij kon zich den blik van
-verontwaarding in de groote, heldere oogen harer zuster voorstellen,
-het schaterende gelach, dat zulk een verhaal zou uitlokken, de
-vernietigende, handig gekozen plagerijen, die zij trillende, zou moeten
-aanhooren. Ook Esther niet&mdash;daar deze immers hare stiefmoeder was,
-kon Meg het juist haar niet vertellen, en <span class="pagenum">[<a id="pb111" href="#pb111" name="pb111">111</a>]</span>buitendien, in het
-mondje van den Generaal verscheen langzamerhand eene dubbele rij witte
-paarltjes, zijne gezondheid werd daardoor aangetast, en veroorzaakte
-zijne moeder te veel zorg, om haar voor Meg&rsquo;s gedruktheid oogen
-te geven.</p>
-<p>Toen de dag, waarop de wandeling zou plaats vinden, genaderd was,
-had zij zich in een toestand van hevige opwinding gebracht.</p>
-<p>Half zeven was de afgesproken tijd; zooals zij wist, was het dan nog
-helder licht. Zij zag in, dat zij inderdaad niet mocht, niet kon gaan.
-Veronderstel dat haar vader of Esther, eenige van hare spotachtige
-jongere zusters of broeders, in de nabijheid zouden zijn en de
-ontmoeting zien, of een der buren&mdash;zij zou de schande nooit kunnen
-overleven! En toch, gaan moest zij, want anders zou Aldith haar
-verachten. Buitendien had zij zich voorgenomen Andrew kalm te zeggen,
-dat zij hem niet kon veroorloven tot haar te spreken, als hij gedaan
-had. Na de laatste, verschrikkelijke, gefluisterde woorden, vond zij
-het noodzakelijk, hem duidelijk te doen begrijpen, dat zij zijn gedrag
-niet goed vond, en wel &ldquo;zijne <span class="pagenum">[<a id="pb112" href="#pb112" name="pb112">112</a>]</span>vriendin&rdquo; wilde
-zijn, maar ook niets anders.</p>
-<p>Maar waarom hadden zij niet een uur gekozen als het reeds donkerder
-zou zijn? zeide zij bij zich zelve: dan zou er geen gevaar bestaan van
-gezien te worden; zij zou dan het huis uit kunnen sluipen zonder de
-minste moeielijkheid, en door de grasvelden loopen, beschermd door de
-schemering; terwijl, wanneer het nog licht was, en zij zou beproeven
-ongemerkt weg te vluchten, ten minste twee of drie van de kinderen
-achter haar aan zouden komen loopen en haar edelmoedig zouden aanbieden
-&ldquo;mede te gaan.&rdquo;</p>
-<p>Ten laatste, te bang om, terwijl het nog dag was, te gaan, en ook
-niet willende, dat Aldith boos op haar zou kunnen zijn, omdat zij in
-het geheel niet gekomen was, deed zij in hare opwinding eene wanhopige
-daad&mdash;iets zoo gewaagds, dat zij er langen tijd niet dan met
-afschuw aan kon denken.</p>
-<p>&ldquo;Waarde Mr. Courtney,&rdquo;&mdash;schreef zij, voor haar
-toilet zittende, haastig met potlood&mdash;&ldquo;het zou niet aardig
-zijn, om zoo vroeg te wandelen. Laten wij later gaan, wanneer het
-geheel <span class="pagenum">[<a id="pb113" href="#pb113" name="pb113">113</a>]</span>donker is. Het zal dan veel prettiger zijn, want
-niemand zal ons dan kunnen zien. En laten wij elkaar ontmoeten geheel
-aan het einde der grasvelden, waar het boschje zeer dicht is, daar kan
-niets ons storen. Ik schrijf Aldith ook tegen dien tijd te komen, en
-zij zal het Mr. Graham doen weten.</p>
-<p class="signed">Geheel de uwe,</p>
-<p class="signed"><span class="sc">M. Woolcot</span>.</p>
-<p>P. S. Ik moet u uitdrukkelijk verzoeken, mij niet te kussen. Ik zou
-werkelijk zeer boos zijn, wanneer u het deed. Ik houd daar niet
-van.&rdquo;</p>
-<p class="tb"></p>
-<p>De laatste woorden schreef zij in zenuwachtige haast, want zij had
-grooten angst, dat hij zijn woord zou houden, indien zij dit niet bij
-de eerste de beste gelegenheid voorkwam. Toen deed zij het briefje in
-eene enveloppe en schreef er het adres op, terwijl het zelfs geen
-oogenblik bij haar was opgekomen, er iets vreemds of onbehoorlijks in
-te vinden, dat een jong meisje er zoo op gesteld was, de ontmoeting in
-het donker te doen plaats hebben.</p>
-<p>Daarop schreef zij eenige woorden aan Aldith, <span class="pagenum">[<a id="pb114" href="#pb114" name="pb114">114</a>]</span>en
-zeide haar er vast op te rekenen, haar te half negen achter de
-grasvelden te vinden, terwijl zij zelve weg zou sluipen, wanneer de
-kinderen naar bed gingen en haar zeer waarschijnlijk niet zouden
-opmerken.</p>
-<p>En toen ging zij naar den tuin om boden voor de twee briefjes te
-zoeken. De kleine Flossie Courtney had den middag bij Nellie
-doorgebracht, en Meg riep haar terug, juist toen zij het hek door ging
-om naar huis te wandelen, en, zonder dat de kinderen het zagen,
-vertrouwde zij haar het briefje toe.</p>
-<p>&ldquo;Geef dit aan je broer Andrew dadelijk als hij uit school
-komt!&rdquo; fluisterde zij, en stopte in hetzelfde oogenblik een groot
-stuk chocolade in den mond van het kleine meisje. Bunby werd daarop
-omgekocht, met eene belofte van dezelfde licht smeltende snoepernij, om
-met het andere briefje naar Aldith te loopen, en Meg haalde weer vrij
-adem, daar zij het dreigende gevaar op listige wijze meende gekeerd te
-hebben.</p>
-<p>Maar er scheen geen zegen op de briefjes te rusten! <span class="pagenum">[<a id="pb115" href="#pb115" name="pb115">115</a>]</span></p>
-<p>Bunby overhandigde het zijne aan de meid van de familie MacCarthy,
-en gaf op eene vraag van het dienstmeisje ten antwoord: &ldquo;Ik zal
-wel op antwoord moeten wachten, meisjes moeten er altijd een hebben op
-niets.&rdquo;</p>
-<p>Aldith was aan hare kamer gebonden door eene plotselinge hevige
-verkoudheid, en schreef hare vriendin een briefje, om haar mede te
-deelen, dat zij te ziek was om uit te gaan, en aan Mr. Graham en aan
-Mr. Courtney ook geschreven had, daar zij de wandeling eene week
-wenschte uit te stellen.</p>
-<p>Nu kwam dit briefje, in zijne lichtrose, driekante enveloppe, in
-Bunby&rsquo;s zak terecht tusschen zijne knikkers en noten en touwtjes.
-En, als wel te voorzien was, zag hij op den terugweg eenige
-kameraadjes, met wie hij weldra aan den kant van den weg op zijne
-knieën zat te knikkeren.</p>
-<p>Hij verloor tien knikkers, en zijne allermooiste, roste een jongen
-af, die zich onwettig in het bezit had gesteld van zijn meest geliefd
-&ldquo;bastje&rdquo;, kwam een uur later in treurige stemming thuis, en
-bespeurde bij het hek dat hij Aldith&rsquo;s coquet briefje verloren
-had. <span class="pagenum">[<a id="pb116" href="#pb116" name="pb116">116</a>]</span></p>
-<p>Nu had Meg hem acht chocoladen okkernoten bij zijne terugkomst
-beloofd, en wanneer ons heertje eene zwakheid had, die zich meer deed
-gelden dan de andere, dan was het zijne groote partijdigheid voor deze
-soort van lekkernij, en, daar hij in weken geene enkele geproefd had,
-was het geen wonder dat zijn hart bijna brak bij de gedachte, dat hij
-ze door eigen schuld verbeurd had.</p>
-<p>&ldquo;Ik begrijp wel dat ze onuitstaanbaar genoeg zal zijn om te
-zeggen, dat ik ze niet verdiend heb, alleen omdat ik het gekke briefje
-van dat schepsel verloren heb,&rdquo; zeide hij, diep ongelukkig, tot
-zich zelven, &ldquo;en ik kan me wel denken, dat er niets anders in
-stond, dan: &ldquo;Liefste Marguerite, laten wij elkander altijd en
-altijd onze geheimen vertellen&rdquo;; dat heb ik haar tweemaal hooren
-zeggen, en dus zal zij het nog wel eens schrijven.&rdquo; De verleiding
-greep hem aan, plotseling, stormenderhand.</p>
-<p>Bunby was van nature de meest gewetenlooze kleine leugenaar, die
-ooit bestaan had, en alleen Judy&rsquo;s onkreukbare eerlijkheid en
-nadrukkelijk uitgesproken verachting voor al wat onoprecht <span class="pagenum">[<a id="pb117" href="#pb117" name="pb117">117</a>]</span>was,
-hadden hem tamelijk betrouwbaar doen blijven. Maar Judy was mijlen weg,
-en kon hem onmogelijk angstig maken door een blik vol innige
-verstoordheid. Hij stond nu voor de deur der kinderkamer en draaide met
-aarzelende vingers den deurknop om.</p>
-<p>&ldquo;Wat ben je lang weggebleven!&rdquo; zeide Meg van de tafel,
-waar zij een doos vol handschoenen zat te naaien. &ldquo;Wat heeft zij
-gezegd?&rdquo;</p>
-<p>Juist naast haar elleboog stond de begeerlijke
-<i>bonbonni&egrave;re</i>, waarin de bruine, met fondant omgeven
-okkernoten lagen.</p>
-<p>&ldquo;Zij zeide: &ldquo;Het is goed!&rdquo;&rdquo; sprak Bunby
-stuursch.</p>
-<p>Meg telde de acht chocolaadjes in hare kleine, onreine hand, en
-zette haar naaiwerk voort met een zucht van verlichting. En Bunby, met
-een schichtigen, schuwen blik in zijne oogen, stopte al de chocolaadjes
-op eens in zijn mond, als om de mogelijkheid van een plotseling berouw
-te voorkomen.</p>
-<p>Het andere briefje ging het even slecht. Flossie ging naar huis,
-peinzende over een zeker Kate Greenaway-mutsje, <span class="pagenum">[<a id="pb118" href="#pb118" name="pb118">118</a>]</span>dat
-Nell beloofd had voor hare nieuwe pop te zullen maken.</p>
-<p>&ldquo;Groen met rose lint,&rdquo; zeide zij zachtjes bij zich zelve
-toen zij de trap van het huis haars vaders opging. Alan lag in de
-veranda in een gemakkelijken stoel en rookte zijne zwarte pijp.</p>
-<p>&ldquo;Wat moet groen zijn?&rdquo; riep hij
-lachend.&mdash;&ldquo;Guineesche biggetjes of kangoeroes?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;De hoed van Clarice Maud,&rdquo; zeide het kleine meisje, en
-opende dadelijk een ernstig gesprek met hem over de kleur, die hij het
-geschiktst vond voor den wintermantel van dezen wassen jonge dame.</p>
-<p>Toen wilde zij het huis binnen gaan.</p>
-<p>&ldquo;Wat steekt daar uit je zakje, Flossie?&rdquo; zeide hij, toen
-zij hem voorbij liep.</p>
-<p>Zij bleef even stilstaan en tastte in haar zak.</p>
-<p>&ldquo;O, dat had ik bijna vergeten, en ik heb beloofd, dat ik er
-aan zou denken,&mdash;hier is een briefje voor jou, Alan!&rdquo; zeide
-zij, en gaf Meg&rsquo;s rampspoedig episteltje in de hand, voor welke
-het niet bestemd was. <span class="pagenum">[<a id="pb119" href="#pb119" name="pb119">119</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch8" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e308">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p119width"><img src="images/p119.jpg" alt="Eene lange gestalte leunde tegen het hek." width="492" height="338">
-<p class="figureHead">Eene lange gestalte leunde tegen het hek.</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK VIII.</h2>
-<h2 class="main">EEN CATAPULT EN EENE CATASTROPHE.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>De schemering had zich zeer kalm en zeer ongemerkt uitgebreid over
-den tuin, en de grasvelden, en de rivier. Er was een zwak windje aan
-den waterkant, maar het scheen na dezen warmen, langen dag bijna te
-moede om zich te verheffen en het water te rimpelen. Langzaam, zeer
-langzaam nam het grauwe, stille licht af, en een of twee bleeke sterren
-begonnen daar hoog, boven in de lucht, te stralen. In de verte, achter
-de <span class="pagenum">[<a id="pb120" href="#pb120" name="pb120">120</a>]</span>gomboomen, aan gene zijde der rivier, stond eene
-nog bleeker maan; reeds kon eene streep van het water haar een glimlach
-toezenden. Meg hoopte, dat zij niet v&oacute;&oacute;r acht uur boven
-de kronen der boomen zou gerezen zijn, want dan zouden de uitgestrekte
-grasvelden in een stroom van maanlicht baden, en zij zou kunnen gezien
-worden. Onder de thee, en gedurende het eerste gedeelte van den avond,
-was zij afgetrokken en prikkelbaar in haar angst, en twee of drie maal
-snauwde zij Bunby tamelijk onvriendelijk af.</p>
-<p>Van een uur of zes af had hij onophoudelijk om haar heen
-gedraaid.</p>
-<p>Het was een karaktertrek van dezen kleinen jongen, dat, wanneer hij
-de verleiding niet had kunnen weerstaan en van het pad der waarheid was
-afgeweken, hij volkomen ongelukkig was, tot hij gebiecht had, en met
-zijne vieze handjes in zijne schreiende oogen had gewreven, tot hij een
-beeld bood &ldquo;om van te droomen, maar niet om te
-beschrijven.&rdquo;</p>
-<p>Pip zeide, dat dit kwam omdat hij een lafaard was, en de zedelijken
-moed miste om te gaan <span class="pagenum">[<a id="pb121" href="#pb121" name="pb121">121</a>]</span>slapen met eene leugen op zijn
-geweten uit vrees van te zullen ontwaken en een engel met een vlammend
-zwaard naast zijn bed te zien staan. En tot mijn spijt moet ik
-toegeven, dat dit eene meer ware beschouwing van het geval was, dan
-wanneer men aannam, dat de kleine jongen werkelijk overtuigd was van
-het afkeuringswaardige zijner daad, en niets liever wenschte, dan haar
-weder goed te maken. Want als de gelegenheid zich maar voordeed, zou
-hij den volgenden dag weer struikelen, en &rsquo;s avonds naar dezen of
-genen toekruipen en, met zijne vuistjes in zijne oogen, stamelen, dat
-hij: &ldquo;iets gezegd had, dat niet waar was, boe-hoe!&rdquo;</p>
-<p>Tegen zeven uur was hij dus dezen avond buitengewoon berouwvol
-gestemd geweest; verscheidene tranen waren langs zijne wangen gerold,
-en hadden zich vermengd met den inkt van het huiswerk, dat hij bezig
-was voor de gouvernante te maken. Hij installeerde zich naast
-Meg&rsquo;s elleboog, en bleef naar haar opzien met een treurigen
-smeekenden blik, die haar in groote verlegenheid bracht, want zij was
-door zijn vreemd gedrag begonnen <span class="pagenum">[<a id="pb122"
-href="#pb122" name="pb122">122</a>]</span>te vermoeden, dat hij op de
-eene of andere wijze den inhoud van het briefje vernomen had, en haar
-van haar voornemen zocht af te houden. Hoe langer hij haar bleef
-aanstaren, hoe rooder zij werd, en hoe minder zij zich op haar gemak
-begon te gevoelen.</p>
-<p>&ldquo;Je mag mijne nieuwe c-c-catapult hebben!&rdquo; fluisterde
-hij met een droevigen, teederen blik, dien zij als eene bede om veilig
-thuis te blijven uitlegde.</p>
-<p>Eindelijk stonden de wijzers op acht uur, en op een oogenblik dat de
-kinderen een hevigen woordenstrijd voerden over het bezit van een hond,
-die in den middag Misrule was binnengeloopen, sloop zij onbemerkt de
-kamer uit. Er was niemand in de vestibule, en zij nam het luchtige,
-flatteerende doekje, dat zij daar verborgen had, sloeg het om het
-hoofd, en liep de zijdeur uit en het pad op.</p>
-<p>In den tuin was de grond wit van de afgevallen rozenbladeren, en de
-lucht vervuld met hunne laatste geuren; lang, slank pampasgras teekende
-zich met sierlijke lijnen tegen de lucht af; eenige inlandsche boomen,
-die tusschen de gekweekte <span class="pagenum">[<a id="pb123" href="#pb123" name="pb123">123</a>]</span>heesters waren blijven staan,
-strekten zilverwitte armen omhoog naar de maan, en maakten een
-spookachtigen indruk op het voortsnellende meisje. Zij vloog het hek
-uit en naar het eerste grasveld, waarheen de rozengeur niet meer kwam,
-en waar alleen eene scherpe hooilucht in de stille atmosfeer zweefde.
-Zij zag meer gomboomen, en meer witte spookachtige armen; opeens bewoog
-zich iets bij het hek, eenige zacht gefluisterde woorden werden geuit,
-en Meg stootte vol schrik een kreet uit.</p>
-<p>&ldquo;Hier is de c-c-c-catapult, Meg! neem haar maar!&rdquo; zeide
-Bunby, met een bleek en treurig gezicht.</p>
-<p>&ldquo;Akelige jongen! wat kom je hier doen?&rdquo; zeide Meg boos,
-zoodra zij van haar schrik bekomen was.</p>
-<p>&ldquo;Ik wilde je alleen maar een genoegen doen, M-M-Meggie!&rdquo;
-zeide de kleine jongen droevig snikkend.</p>
-<p>Hij had zijne beide armen om haar middel geslagen, en begroef zijn
-neus in hare wit mousselinen japon. Zij schudde hem haastig van
-zich.</p>
-<p>&ldquo;Goed, goed; dank je!&rdquo; zeide zij. &ldquo;Ga nu naar
-huis, Bunby! Ik wilde in den maneschijn alleen eene wandeling
-maken.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb124" href="#pb124" name="pb124">124</a>]</span></p>
-<p>Hij stopte zijne vingers zoo diep in zijne oogen als maar eenigszins
-mogelijk was, opende zijn mond, en zijne onderlip trok hij al lager en
-lager naar beneden.</p>
-<p>&ldquo;Ik&mdash;ik heb je iets verteld, wat&mdash;wat niet waar
-is!&rdquo; zeide hij schreiend, en heen en weer wiegelend waar hij
-stond.</p>
-<p>&ldquo;Zoo? Nu, het is goed! Ga nu maar naar huis!&rdquo; zeide zij
-ongeduldig. &ldquo;Je vertelt altijd onwaarheden, Bunby, dus ben ik
-volstrekt niet verwonderd. Kom, ga nu!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;M-maar ik moet je er a-alles van zeggen!&rdquo; zeide hij,
-nog altijd bezig zijne oogen in zijn hoofd te drukken.</p>
-<p>&ldquo;Het is niet noodig! Voor dezen keer zal ik je
-vergeven!&rdquo; zeide zij grootmoedig, &ldquo;maar je moogt het niet
-meer doen. Ga nu maar gauw naar huis, of anders kom je niet klaar met
-je werk, en dan straft miss Marsh je.&rdquo;</p>
-<p>Zijne oogen kwamen weer op hun gewone plaats terug, en zoo ook zijne
-handen. Met een volkomen verlicht hart ging hij naar huis. Toen hij een
-paar stappen geloopen had, kwam hij terug. <span class="pagenum">[<a id="pb125" href="#pb125" name="pb125">125</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Ben je erg gesteld op de catapult, Meg?&rdquo; zeide hij
-vleiend. &ldquo;Je bent maar een meisje, en dus denk ik, dat je er niet
-veel aan zult hebben!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Neen, ik heb er niets aan. Hier, daar heb je haar, en denk
-aan je werk!&rdquo; antwoordde Meg, ongeduldig nu hij zoo
-treuzelde.</p>
-<p>En Bunby, buitengewoon gelukkig, wendde zich voor de tweede maal van
-haar af en liep vroolijk heen.</p>
-<p>In wilde haast, bevende, snelde Meg door de twee nog overige
-grasvelden.</p>
-<p>In het struikgewas aan het einde was alles stil; er was geen
-geritsel, geen geluid van eene stem, en ook weerklonk niet het
-geaffecteerde lachje, dat gewoonlijk Aldith&rsquo;s aanwezigheid
-aankondigde.</p>
-<p>Meg bleef ademloos staan en gluurde door de takken; eene lange
-gestalte leunde tegen het hek.</p>
-<p>&ldquo;Andrew!&rdquo; riep zij met gedempte stem, en vergat in haar
-angst, dat zij hem nooit bij den naam noemde. &ldquo;Waar zijn de
-anderen? Is Aldith niet gekomen?&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb126" href="#pb126" name="pb126">126</a>]</span></p>
-<p>Zij rook een sigaar, en dichterbij komende, zag zij tot haar
-doodelijken schrik dat het Alan was.</p>
-<p>&ldquo;O!&rdquo; riep zij op onbeschrijfelijken toon.</p>
-<p>Haar hart bonsde van schrik en schaamte, en scheen toen stil te
-staan.</p>
-<p>Zij zag hem aan alsof zij hem smeekte niet al te slechte gedachten
-van haar te koesteren, maar zijn gelaat vertoonde de uitdrukking van
-minachting, die zij begonnen was zoo te vreezen, en zijne lippen
-krulden zich tot een fijnen glimlach.</p>
-<p>&ldquo;Ik&mdash;ik wilde alleen maar even eene wandeling maken; het
-is zulk een mooien avond!&rdquo; zeide zij, met een akelig gevoel van
-machteloosheid, en toen als om zich te rechtvaardigen, voegde zij er
-bij: &ldquo;en dan, het zijn de weiden van mijn vader!&rdquo;</p>
-<p>Hij bleef tegen het hek leunen, en keek op haar neer.</p>
-<p>&ldquo;Flossie gaf mij uw briefje, en omdat het voor mij bestemd
-scheen, en zij mij buitendien zeide, dat het voor mij was, maakte ik
-het open,&rdquo; sprak hij.</p>
-<p>&ldquo;U <i>wist</i>, dat het voor Andrew was!&rdquo; zeide zij,
-maar zij keek hem niet aan. <span class="pagenum">[<a id="pb127" href="#pb127" name="pb127">127</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Dat vermoedde ik, toen ik het gelezen had,&rdquo; antwoordde
-hij langzaam; &ldquo;maar Andrew is van avond nog niet thuis geweest,
-en dus kwam ik in zijne plaats, het is hetzelfde, als het maar een
-jongen is, nietwaar?&rdquo;</p>
-<p>Het meisje gaf niets ten antwoord, maar hief hare hand op, en trok
-het doekje dichter om haar hoofd.</p>
-<p>Zijne lippen krulden zich iets meer.</p>
-<p>&ldquo;En hoe men kust weet ik ook, dat verzeker ik u &hellip;
-Waarschijnlijk had u dat van mij niet verwacht! O ja, ik weet wel, dat
-u gezegd heeft, dat u niet gekust wilde worden, maar dat zeggen de
-meisjes altijd, nietwaar?&mdash;zelfs wanneer zij het anders
-meenen.&rdquo;</p>
-<p>Altijd sprak Meg nog niet, en de kalme, onbarmhartige stem
-vervolgde:</p>
-<p>&ldquo;Ik vrees, dat het nog wel niet donker genoeg voor u is. De
-maan is al heel vervelend, vindt u ook niet? Maar, we kunnen misschien
-een eindje verder nog wel eene donkerder plek vinden, en dan kan ik u
-zonder gevaar zoenen. Nu? is u altijd zoo stil met Andrew?&rdquo;
-<span class="pagenum">[<a id="pb128" href="#pb128" name="pb128">128</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;O, spreek niet zoo!&rdquo; zeide Meg met smeekende stem.</p>
-<p>Dadelijk liet hij den spottenden toon varen.</p>
-<p>&ldquo;Miss Meg, u leek vroeger zulk een flink, aardig
-meisje,&rdquo; zeide hij bedaard, &ldquo;waarom laat u zich bederven
-door die afschuwelijke Aldith MacCarthy, want zij is afschuwelijk,
-hoewel u er misschien niet zoo over denkt.&rdquo;</p>
-<p>Meg sprak niet, en bewoog zich niet, en hij vervolgde met een
-vriendelijken ernst, waartoe zij hem niet in staat had geacht.</p>
-<p>&ldquo;Ik heb haar op de boot gade geslagen, en gezien hoe zij u
-systematisch bedierf, en ik kon niet nalaten te denken, hoe jammer dat
-is. Ik heb mij voorgesteld wat ik zou voelen, wanneer mijn klein zusje
-Flossie ooit in de handen van zulk een meisje viel, en begon te
-coquetteeren en zich dwaas aan te stellen, en ik dacht er toen ook aan,
-of u het mij zou kwalijk nemen, als ik er met u over sprak. Is u zeer
-boos op mij, <span class="corr" id="xd26e2087" title="Bron: miss">Miss</span> Meg?&rdquo;</p>
-<p>Maar Meg leunde het hoofd tegen het ruwe hek, en begon te
-snikken&mdash;kleine, droge, innig <span class="pagenum">[<a id="pb129"
-href="#pb129" name="pb129">129</a>]</span>droevige snikken, die tot het
-gevoelige hart van den jongeling spraken.</p>
-<p>&ldquo;Ik had niet zoo moeten spreken, als ik in het begin
-deed&mdash;ik ben een lomperd geweest,&rdquo; zeide hij vol berouw,
-&ldquo;vergeef het mij, wil u? och, doe het, Miss Meg, ik zou liever
-mijne hand afhouwen, dan u werkelijk pijn doen!&rdquo;</p>
-<p>Dit laatste was ten minste een kleine troost, en Meg hief eene halve
-seconde lang het hoofd op; wit en ernstig was haar gelaat in het
-maanlicht, en nat van tranen.</p>
-<p>&ldquo;Ik&mdash;ik&mdash;o! ik ben heusch niet zoo slecht als u
-denkt,&rdquo; zeide zij deemoedig; &ldquo;ik wilde in het geheel niet
-gaarne deze wandeling maken, en o! heusch, heusch, heusch, ik zou
-<i>niemand</i> toestaan mij te zoenen. Geloof het toch!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik geloof u, ik geloof u werkelijk,&rdquo; zeide hij met
-overtuiging; &ldquo;ik heb het alleen gezegd, omdat&mdash;wel, omdat ik
-een groote, ruwe lomperd ben, en niet weet hoe ik met een teer, zacht
-meisje moet spreken. Lieve Miss Meg, geef mij uwe hand en zeg mij, dat
-u mijne onbesuistheid vergeeft.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb130" href="#pb130" name="pb130">130</a>]</span></p>
-<p>Meg strekte eene kleine, witte hand uit, en hij drukte deze met
-warmte. Toen liepen zij samen door de grasvelden, en scheidden bij een
-gebroken hek, dat toegang gaf tot den tuin.</p>
-<p>&ldquo;Ik zal nooit meer coquetteeren zoolang als ik leef!&rdquo;
-zeide zij met grooten ernst, toen hij afscheid van haar nam; en hij
-antwoordde bemoedigend<span class="corr" id="xd26e2110" title="Bron: ;">:</span></p>
-<p>&ldquo;Ik ben er van overtuigd, dat u het niet zal doen&mdash;dat is
-iets voor meisjes als Aldith! U moest alleen maar daarop gewezen
-worden. Vaarwel, Miss Meg!&rdquo;</p>
-<div class="figure o130width"><img src="images/o130.png" alt="Ornament." width="101" height="78"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb131" href="#pb131" name="pb131">131</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch9" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e317">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p131width"><img src="images/p131.jpg" alt="&ldquo;Zij gleed van den stoel en viel flauw juist in de armen van Dr. Gormeston.&rdquo;"
-width="496" height="310">
-<p class="figureHead">&ldquo;Zij gleed van den stoel en viel flauw
-juist in de armen van Dr. Gormeston.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK IX.</h2>
-<h2 class="main">GEVOLGEN.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<div class="lgouter">
-<p class="line">&ldquo;Hoe kwam het toch, dat gij dit deedt?</p>
-<p class="line xd26e2135">Berouw komt spoedig, zoo ge weet!&rdquo;</p>
-</div>
-<p class="first">Maar Megs moeielijkheden waren nog niet ten einde.
-Toen zij het huis binnentrad, kwam Nell in de vestibule op haar toe
-geloopen, en staarde haar aan.</p>
-<p>&ldquo;Waar ben je toch geweest?&rdquo; zeide zij, en hare ronde
-oogen waren een en al verbazing. &ldquo;Ik heb je overal
-gezocht.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Waarom?&rdquo; vraagde Meg kort. <span class="pagenum">[<a id="pb132" href="#pb132" name="pb132">132</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Dokter Gormeston en Mevrouw Gormeston en twee dames Gormeston
-zijn in het salon, en ik geloof, dat ze heelemaal niet meer weg
-gaan.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Nu?&rdquo; zeide Meg.</p>
-<p>&ldquo;En de Generaal is weer ziek, en Esther zegt, dat zij hem voor
-niets en voor niemand eene seconde alleen wil laten.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Nu?&rdquo; zeide Meg nog eens.</p>
-<p>&ldquo;En vader is zoo kwaad als hij maar zijn kan, en hij moet ze
-allen bezig houden. Hij heeft: &ldquo;Mijn eerste liefde&rdquo; en
-&ldquo;Mona&rdquo; gezongen, en hij heeft hun alles van zijne paarden
-verteld, en nu denk ik, dat hij niet weet, wat met hen te
-beginnen!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Nu, daar kan ik niets aan doen,&rdquo; zeide Meg met moede
-stem, en alsof wat Nellie zeide, haar in het geheel niet aanging.</p>
-<p>&ldquo;Dat zal dan toch wel dienen!&rdquo; riep Nell scherp.
-&ldquo;Ik heb gedaan wat ik kon, hij heeft om de meisjes gezonden, en
-omdat jij er immers niet was, waren er alleen Baby en ik.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;En wat hebben jelui gedaan?&rdquo; vraagde Meg, nieuwsgierig
-tegen wil en dank. <span class="pagenum">[<a id="pb133" href="#pb133"
-name="pb133">133</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;O, Baby heeft met de eene juffrouw Gormeston zitten praten,
-en zij vraagden mij, iets op de piano te spelen,&rdquo; sprak zij,
-&ldquo;en dus heb ik mijn nieuwe stukje gespeeld. Toen ik er mede klaar
-was, merkte ik eerst dat er twee kruisen aan den sleutel staan,&rdquo;
-voegde zij er treurig bij. &ldquo;En toen heeft Baby aan mevrouw
-Gormeston verteld hoe Judy den Generaal in de kazerne heeft gelaten, en
-hoe zij daarom naar de kostschool gezonden is, en van den groenen
-kikvorsch, dien Bunby haar gegeven heeft, en toen zeide vader, dat wij
-maar liever naar bed moesten gaan, en vraagde, wanneer jij nu toch
-eindelijk kwaamt.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik ga, ik ga!&rdquo; zeide Meg haastig, &ldquo;hij zal er
-morgen vreeselijk woedend om zijn. En, Nell, ga Martha zeggen, dat zij
-over een half uurtje wijn en koekjes binnen brengt.&rdquo;</p>
-<p>Zij wierp haar shawltje af, bracht vlug het haar in orde, en keek in
-den spiegel der vestibule of de nachtwind de sporen harer tranen had
-weggevaagd.</p>
-<p>Toen ging zij het salon binnen, waar haar vader stond, met een
-hoogrood en ongelukkig gezicht <span class="pagenum">[<a id="pb134"
-href="#pb134" name="pb134">134</a>]</span>zijn best doende om vier
-gasten te amuseeren, die tot het soort, gewoonlijk bekend als
-&ldquo;zwaar op de hand,&rdquo; behoorden.</p>
-<p>&ldquo;Speel eens iets, Meg!&rdquo; zeide hij, toen de begroeting
-was afgeloopen, en allen in een diep zwijgen dreigden te vervallen;
-&ldquo;of zing eens, dat is nog beter,&mdash;heb je niet iets om te
-zingen?&rdquo;</p>
-<p>Nu had Meg eigenlijk eene aangename, frissche, niet zeer sterke
-stem, naar welke men wel met genoegen kon luisteren, maar dien avond
-was zij vermoeid en opgewonden en treurig. Zij koos een eenvoudig lied
-en zong dikwijls valsch en zonder de minste uitdrukking.</p>
-<p>Zij wist, dat haar vader, zoolang haar gezang duurde, op heete kolen
-stond, en dat hare fouten hem doodelijk ergerden, en toen het lied
-geëindigd was, begon zij, liever dan zich om te keeren, en allen
-aan te moeten zien, Kowalski&rsquo;s <span lang="fr">Marche
-Hongroise</span> te spelen. Maar de toetsen schenen naar haar toe te
-komen en hare handen te willen grijpen, en de piano scheen te wankelen
-en verontrustend heen en weer te schuiven; zij liet een afschuwelijken
-dissonant hooren, toen zij, om zich <span class="pagenum">[<a id="pb135" href="#pb135" name="pb135">135</a>]</span>vast te houden, naar
-den muzieklessenaar greep, en gleed een oogenblik later van den stoel
-en viel flauw, juist in Dr. Gormeston&rsquo;s armen, die gelukkig bij
-tijds uitgestrekt werden.</p>
-<p>Opgewonden, overprikkeld als zij was, had de drukkende warmte van
-het salon haar bevangen.</p>
-<p>Kapitein Woolcot was buitengewoon geschokt door dit voorval; met
-geen enkele van zijne kinderen was ooit te voren zoo iets gebeurd, en
-toen Meg op de sofa lag, en haar blond hoofdje tegen de roode kussens
-steunde, terwijl haar gelaat zoo bleek en zielloos was, geleek zij
-wonderlijk veel op hare moeder, die hij nu vier jaren geleden naar het
-kerkhof gebracht had. Hij ging naar den filter om een glas water te
-halen, en, terwijl het vocht uit de kraan liep, dacht hij er dof en
-werktuigelijk over na, of zijne kleine gestorven vrouw misschien ook
-dacht, dat hij te snel had gehandeld, toen hij Esther tot hare
-opvolgster koos. En daarop, terwijl hij naast de sofa stond, en naar
-dat gelaat keek, dat zooveel had van dat eener doode, dacht hij met
-eene koude huivering, of Meg ook zou sterven, en wanneer dit gebeurde,
-<span class="pagenum">[<a id="pb136" href="#pb136" name="pb136">136</a>]</span>of zij dan die zelfde kleine vrouw zou kunnen
-zeggen, dat Esther aan zijne zijde meer liefde ondervond dan haar deel
-was geweest.</p>
-<p>Zijn gepeins werd afgebroken door de scherpe, verbaasde stem van den
-dokter. Hij sprak met Esther, die haastig was geroepen, en die Megs
-taille had helpen openhaken.</p>
-<p>&ldquo;Het meisje heeft zich veel te veel geregen!&rdquo; zeide hij.
-&ldquo;Dat moet u toch ook opgemerkt hebben, mevrouw! Wanneer die
-drukking altijd even sterk is geweest, dan was die alleen al genoeg, om
-haar half dood te maken. Eene flauwte!&mdash;het verbaast mij, dat haar
-zoo iets niet eerder overkomen is!&rdquo;</p>
-<p>Eene wolk trok over Esther&rsquo;s liefelijk, nu zoo bezorgd
-gelaat&mdash;nog eens was zij in het uitoefenen harer taak te kort
-geschoten. Haar echtgenoot keek haar met een duisteren blik aan,
-terwijl hij bij de sofa stond, waarop de jonge gestalte in hare
-verkreukte mousselinen japon lag, en haar hart zeide haar, dat zij niet
-als eene moeder voor deze kinderen zorgde.</p>
-<p>Later, toen Meg te bed lag en alles meer tot <span class="pagenum">[<a id="pb137" href="#pb137" name="pb137">137</a>]</span>kalmte was gekomen, zocht zij bijna schuchter
-haar echtgenoot op.</p>
-<p>&ldquo;Ik ben eerst twintig, Jack! Wees niet hard!&rdquo; zeide zij
-met een snik. &ldquo;Ik kan niet geheel voor hen zijn, <span class="corr" id="xd26e2202" title="Bron: was">wat</span> zij voor hen was, is
-het wel zoo?&rdquo;</p>
-<p>Hij kust het jonge, schoone hoofd dat tegen zijn schouder lag, en
-sprak een paar teedere woorden tot haar. Maar telkens en telkens weer
-stond hem dien nacht Megs wit, onbeweeglijk gelaat voor den geest,
-zooals het op de roode kussens gelegen had, en hij wist, dat de wind,
-die de gordijnen voor het venster bewoog, enkele minuten geleden met
-het lange gras op het kerkhof gespeeld had.</p>
-<div class="figure o137width"><img src="images/o137.png" alt="Ornament." width="104" height="38"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb138" href="#pb138" name="pb138">138</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch10" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e327">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p138width"><img src="images/p138.jpg" alt="&ldquo;Martha stond in de deur, en tot zijn doodelijken schrik sprak zij met zijn vader.&rdquo;"
-width="498" height="357">
-<p class="figureHead">&ldquo;Martha stond in de deur, en tot zijn
-doodelijken schrik sprak zij met zijn vader.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK X.</h2>
-<h2 class="main">BUNBY ALS HELD.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Het was weer eens uitgekomen, dat Bunby een geheel weefsel van
-onwaarheden had verteld. Het was ditmaal een ernstig geval, en hij
-gevoelde zich naar verhouding ongelukkig. Iedereen was uit behalve Meg,
-die nog te bed lag na haar aanval van bewusteloosheid, en hij was op
-een der grasvelden eenzaam een spelletje cricket gaan spelen. Maar
-zelfs niettegenstaande een spiksplinternieuwen cricketbal kan dit spel
-na een poosje alle bekoorlijkheid verliezen, wanneer men geheel
-<span class="pagenum">[<a id="pb139" href="#pb139" name="pb139">139</a>]</span>alleen voor alles staat. Dus bracht hij weldra
-zijn bal naar den tuin, en begon op goed geluk met den bal te gooien,
-terwijl hij er over mijmerde, wat hij zou beginnen. Het paard van zijn
-vader stond aan het andere einde van het grasveld, en loom en zonder na
-te denken ging Bunby naar dien kant en wierp toen zijn bal rakelings
-over den grond naar het dier toe om het &ldquo;eens op te laten
-springen.&rdquo; Niets lag verder van hem af dan de gedachte, het dier
-te willen kwetsen, en toen de bal tegen den poot van het paard sloeg,
-en het hinkend weg liep, vloog hij naar hem toe, bleek en vol angst.
-Aan de manier, waarop het arme dier den poot hield opgetrokken, en
-trilde, wanneer hij het aanraakte, kon hij merken, dat hij het ernstig
-bezeerd had. Een doodelijke schrik greep hem aan, en hij liep haastig
-weg, vervuld met zijne gewone gedachte, van zich ergens te willen
-verbergen. Maar tot zijne hevige ontsteltenis zag hij, toen hij het
-grasveld reeds half achter zich had, zijn vader met een kameraad door
-de poort van het tuinhek komen en langzaam in de richting van het
-paard, <span class="pagenum">[<a id="pb140" href="#pb140" name="pb140">140</a>]</span>dat zeer kostbaar en fraai was, voortloopen.</p>
-<p>Vol berouw over wat hij gedaan had, verborg hij den cricketbal voor
-in zijn matrozenbuisje, en nadat hij zich plotseling op zijne
-knieën had laten vallen, begon hij met grooten ijver te knikkeren.
-Zijn bevende duim had ongeveer een dozijn knikkers her- en derwaarts
-gestuurd, toen hij luide zijn naam hoorde roepen.</p>
-<p>Hij stond op, klopte het stof van zijne trillende beenen, en ging
-langzaam naar zijn vader.</p>
-<p>&ldquo;Ga Pat zeggen, dat hij dadelijk hier moet komen!&rdquo; zeide
-de kapitein. Hij hield den poot van het paard in zijne hand en
-onderzocht dezen vol angst. &ldquo;Als hij er niet is, zend Pip dan. Ik
-kan niet begrijpen, hoe het gekomen is&mdash;weet jij er iets van,
-Bunby?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Wel neen, natuurlijk niet! Ik heb&mdash;niets gedaan!&rdquo;
-antwoordde Bunby klappertandend, maar zijn vader was te afgetrokken om
-de duidelijke kenteekenen van zijne schuld op te merken, en zeide hem
-dadelijk heen te gaan.</p>
-<p>Dus ging hij naar den stal, en zond Pat naar zijn vader.
-<span class="pagenum">[<a id="pb141" href="#pb141" name="pb141">141</a>]</span></p>
-<p>En toen sloop hij het huis binnen, kaapte twee appels en een cake
-uit de eetkamer, en ging weer heen om diep wanhopig te zijn tot het
-oogenblik, waarop hij zou biechten.</p>
-<p>Hij kroop naar een leeg staand gebouwtje niet ver van het woonhuis
-gelegen; in vroegeren tijd was dit een stal geweest, en het had twee
-verdiepingen, waarvan de bovenste alleen bereikt kon worden door middel
-van een ladder, die zich in een toestand van groot verval bevond. Bunby
-klauterde naar boven, zette zich innig bedroefd op een bos stroo neer,
-en begon peinzend op een der appels te bijten.</p>
-<p>Wanneer er ooit een kleine jongen eene verstandige, liefhebbende
-moeder noodig had, dan was het wel dit ventje met zijn bemorst gezicht
-en zijn bezwaard hart, dat met zijn hoofd tegen een balk vol spinrag
-zat en neerslachtig mompelde: &ldquo;Ik kan het niet helpen! Het was de
-schuld van het paard!&rdquo;</p>
-<p>Hij meende iets te hooren bewegen op den tweeden zolder, welke door
-een laag beschot van dien, waarop hij zat, gescheiden was.
-&ldquo;Kischt&mdash;<span class="pagenum">[<a id="pb142" href="#pb142"
-name="pb142">142</a>]</span>kischt, maakt dat je wegkomt!&rdquo; riep
-hij, denkende, dat er ratten waren. Verscheiden malen stampte hij met
-zijne zware laarzen op den vloer.</p>
-<p>&ldquo;Kischt!&rdquo; riep hij nog eens.</p>
-<p>&ldquo;Bunby!&rdquo;</p>
-<p>Het kind werd tot in de lippen bleek. Zijn naam, die daar zoo vreemd
-en zacht gefluisterd werd, dat geritsel zoo dicht in zijne
-nabijheid&mdash;o! wat zou dat beduiden!</p>
-<p>&ldquo;Bunby!&rdquo;</p>
-<p>Nog eens weerklonk zijn naam. Ditmaal luider, maar de stem, die hem
-uitsprak, was vermoeid, en de klank er van deed hem zonderling aan. Het
-geritsel werd hoorbaarder, er gleed iets over het beschot, liep over
-den vloer, en kwam naar hem toe. Hij snikte van angst en wierp zich
-plat op den grond, en verborg zijn gezicht, waaruit alle kleur geweken
-was, in het stroo.</p>
-<p>&ldquo;Bunby!&rdquo; zeide de stem nog eens, en eene hand raakte
-even zijn arm aan.</p>
-<p>&ldquo;Help me&mdash;help me!&rdquo; gilde hij.
-&ldquo;Meg&mdash;vader&mdash;Esther!&rdquo;</p>
-<p>Maar op zijn mond werd haastig eene hand <span class="pagenum">[<a id="pb143" href="#pb143" name="pb143">143</a>]</span>gelegd, en eene andere trok hem omhoog.</p>
-<p>Hij had zijne oogen zeer vast gesloten, om den geest niet te zien,
-die, zooals hij wist, gekomen was om hem voor zijne zonden te straffen.
-Maar iets dwong hem, ze te openen, en toen&mdash;kon hij ze van
-verbazing niet weer sluiten.</p>
-<p>Want het was Judy, die hare hand op zijn mond had gelegd, en Judy,
-die naast hem stond.</p>
-<p>&ldquo;Groote hemel!&rdquo; zeide hij, vol innige verwondering. Hij
-staarde haar aan om zich te overtuigen, dat zij werkelijk van vleesch
-en bloed was. &ldquo;Hoe kom jij hier?&rdquo;</p>
-<p>Maar Judy gaf geen antwoord. Zij nam eenvoudig den appel, die nog
-over was, en den cake uit zijne hand en, nadat zij was gaan zitten, at
-zij deze zwijgend op.</p>
-<p>&ldquo;Heb je niets anders?&rdquo; vraagde zij angstig.</p>
-<p>Toen merkte hij eerst op hoe mager zij was, en hoe <span class="corr" id="xd26e2282" title="Bron: slechts">slecht</span> zij er uit
-zag. Hare kleederen hingen bijna in flarden om haar lichaam, hare
-laarzen waren gescheurd en wit van het stof, haar bruin gezicht was
-ingevallen en toonde scherpe <span class="pagenum">[<a id="pb144" href="#pb144" name="pb144">144</a>]</span>lijnen, en haar haar was dof en
-hing woest in vlokken om haar hoofd.</p>
-<p>&ldquo;Groote hemel!&rdquo; zeide Bunby nog eens, en zijne oogen
-schenen uit zijn hoofd te zullen rollen&mdash;&ldquo;groote hemel,
-Judy, wat heb je uitgevoerd?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik&mdash;ik ben weggeloopen, Bunby!&rdquo; zeide Judy met
-trillende stem. &ldquo;Ik heb den geheelen weg, van de school tot hier,
-te voet afgelegd. Ik had zulk een verlangen naar jelui
-allen!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Wel heb ik van <span class="corr" id="xd26e2293" title="Niet in bron">mijn</span> leven!&rdquo; zeide Bunby.</p>
-<p>&ldquo;Ik heb eerst alles goed overlegd,&rdquo; vervolgde Judy,
-terwijl zij met eene loome beweging, het haar naar achteren streek.
-&ldquo;Ik kan mij nu niet alles herinneren, ik ben zoo moede, maar
-alles zal in orde komen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Maar wat zal hij zeggen?&rdquo; riep Bunby met verschrikte
-oogen, want hij had aan zijn vader gedacht.</p>
-<p>&ldquo;Hij zal er natuurlijk niets van te weten komen,&rdquo;
-antwoordde Judy op een toon, alsof zij vond, dat dit van zelf sprak.
-&ldquo;Ik zal hier op dezen zolder een tijdje wonen, en jelui kunt mij
-hier allen komen <span class="pagenum">[<a id="pb145" href="#pb145"
-name="pb145">145</a>]</span>bezoeken en mij eten en allerlei brengen,
-en dan zal ik weer terug gaan naar school.&rdquo; Zij zonk achterover
-in het stroo en sloot gedurende een paar minuten uitgeput hare oogen;
-Bunby kon de oogen niet van haar afwenden.</p>
-<p>&ldquo;Hoe ver is het van je school tot hier?&rdquo; zeide hij
-eindelijk.</p>
-<p>&ldquo;Zeven en zeventig mijlen.&rdquo; Judy trilde terwijl zij
-sprak. &ldquo;Van Lawson tot Springwood heb ik in een goederentrein
-gezeten, en een klein eind heb ik ook nog in een kar afgelegd, maar
-overigens heb ik alles geloopen. Ik ben bijna eene week onderweg
-geweest,&rdquo; voegde zij er na een oogenblik zwijgens bij, en sloot
-toen weer voor geruimen tijd de oogen. Een paar tranen, die zij uit
-zwakte en uit medelijden met zich zelve schreide, drongen tusschen hare
-zwarte wimpers door en lieten een smal, helder spoor op hare wangen na.
-Bunby voelde, hoe zijn keel dichtgenepen werd bij dit gezicht, zoo lang
-hij zich kon herinneren, had hij Judy nooit zien schreien. Hij
-liefkoosde hare magere hand, hij wreef zijn hoofd tegen haar schouder
-en zeide: <span class="pagenum">[<a id="pb146" href="#pb146" name="pb146">146</a>]</span>&ldquo;Houd je goed, houd je goed!&rdquo; met
-min of meer onvaste stem.</p>
-<p>Maar dit maakte, dat een half dozijn groote, zware druppels tusschen
-de gesloten oogleden doorstroomden, en Judy draaide zich om, en legde
-zich voorover om hare tranen te verbergen. Toen richtte zij zich in
-eene zittende houding op, en begon werkelijk te lachen.</p>
-<p>&ldquo;Als nu de dames Burton mij eens konden zien!&rdquo; zeide
-zij. &ldquo;O, ik heb alles zoo slim bedisseld; zij denken, dat ik
-veertien dagen te logeeren ben in Katoomba&mdash;o Bunby, je moest de
-krullen eens kunnen zien, die Miss Marian tegen haar wangen geplakt
-draagt!&rdquo; Zij zweeg, lachte zenuwachtig opgewonden, en begon toen
-te hoesten, tot de tranen weer in hare oogen kwamen.</p>
-<p>&ldquo;Ga gauw iets voor mij halen om te eten,&rdquo; zeide zij
-wrevelig, toen zij weer op adem kwam, &ldquo;je kondt ook wel eens
-bedenken, dat ik sedert gisteren morgen niet gegeten heb; maar, je hebt
-altijd alleen aan je zelven gedacht, Bunby!&rdquo;</p>
-<p>Hij stond op en maakte zich gereed heen te <span class="pagenum">[<a id="pb147" href="#pb147" name="pb147">147</a>]</span>gaan, alles in de grootste haast. &ldquo;Wat wil
-je hebben? Wat zal ik halen?&rdquo; zeide hij, en een been stond reeds
-op de bovenste trede.</p>
-<p>&ldquo;Alles is goed, als het maar veel is,&rdquo; zeide
-zij,&mdash;&ldquo;het komt er niet op aan, wat het is! Ik geloof, dat
-ik dit stroo zou kunnen eten, en de balken zou kunnen stukbijten alsof
-ze van beschuit waren. Het heeft mij werkelijk moeite gekost, niet met
-jou te beginnen, Bunby! Je bent zoo dik, dat er aan jou menig goed
-kluifje moet zijn!&rdquo;</p>
-<p>In hare oogen tintelde de oude levenslust, maar zij begon opnieuw te
-hoesten, en toen de hoestbui bedaard was, lag zij uitgeput neer.</p>
-<p>&ldquo;Roep een van de anderen!&rdquo; riep zij met zwakke stem,
-toen zijn hoofd verdween. &ldquo;Jij alleen bent niet van groot
-nut!&rdquo;</p>
-<p>Zijn hoofd dook weer een oogenblik op, en hij beproefde met een
-glimlach het leed, dat hare woorden hem veroorzaakten, te verzetten,
-want juist op dat oogenblik zou hij zonder een zucht te slaken voor
-haar gestorven zijn.</p>
-<p>&ldquo;Het spijt mij erg voor je, Judy!&rdquo; zeide hij
-vriendelijk, &ldquo;maar alle anderen zijn uit. Kan ik <span class="pagenum">[<a id="pb148" href="#pb148" name="pb148">148</a>]</span>je
-niet helpen? Ik zal alles graag voor je doen, Judy!&rdquo;</p>
-<p>Judy lette niet op het zachte gesnuif, dat de laatste woorden
-vergezelden, en keerde haar gelaat naar den muur.</p>
-<p>Weer rolden twee groote tranen langs hare wangen.</p>
-<p>&ldquo;Hadden zij nu niet thuis kunnen blijven?&rdquo; zeide zij met
-een snik. &ldquo;Konden zij nu niet begrijpen dat ik mijn best zou
-doen, om terug te komen. Waar zijn zij?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Pip is gaan visschen,&rdquo; antwoordde hij, &ldquo;en Nell
-draagt de mand voor hem. En Baby is bij de <span class="corr" id="xd26e2342" title="Bron: Courntney&rsquo;s">Courtney&rsquo;s</span>, en
-Esther is met den Generaal naar de stad gegaan. En Meg ligt ziek te
-bed, omdat zij gisterenavond te stijf geregen was en flauw gevallen
-is.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Zij zullen mij wel geen oogenblik gemist hebben!&rdquo; was
-hare bittere gedachte, toen zij hoorde, hoe alles zijn gewonen gang
-ging, terwijl zij zooveel doorgemaakt had, alleen om hen allen te
-zien.</p>
-<p>Toen kwam weer dat gevoel van zwakte terug, <span class="pagenum">[<a id="pb149" href="#pb149" name="pb149">149</a>]</span>en
-zij sloot hare oogen en lag volkomen stil, tijd, plaats en honger
-vergetende.</p>
-<p>Bunby spoedde zich met gevleugelden tred over het grasveld; het
-gezicht van zijn vader, die bij den stal stond, veroorzaakte hem een
-plotselingen schrik, en deed hem aan zijne eigen zorgen denken, maar
-deze gedachten zette hij van zich af, en vloog verder. De deur van de
-provisiekamer was gesloten. Martha, de keukenmeid, zorgde er wel voor,
-dat dit meestal het geval was, wegens zijne eigen zondige voorliefde
-voor hare taarten en gebakken; alleen door middel eener krijgslist zou
-hij er in kunnen komen, dit moest hij, tot zijn spijt, zelf inzien.</p>
-<p>Maar Judy&rsquo;s honger! Geen eten gehad te hebben sedert gisteren
-morgen!</p>
-<p>Hij herinnerde zich, zelfs nu nog met eene aandoening van pijn, het
-afschuwelijke gevoel dat hij de vorige week gehad had, toen hij voor
-straf zonder thee naar bed was gestuurd. Hij sloot de lippen vast op
-elkander en zijne oogen straalden van de geestdrift, waarmede een
-heldhaftig besluit hem bezielde. <span class="pagenum">[<a id="pb150"
-href="#pb150" name="pb150">150</a>]</span></p>
-<p>In den zijmuur van het huis was het venster der provisiekamer;
-dikwijls had hij er verlangend naar opgezien, maar hij had nooit
-gewaagd er in te klimmen, want een vreeselijke, kruipende cactus wond
-zich tegen den muur.</p>
-<p>Maar nu, voor Judy, zou hij het doen of sterven. Hij liep om het
-huis en naar het zijvenster; er was niemand te bespeuren, overal scheen
-het even rustig. Martha, dit had hij gezien, was in de keuken bezig met
-kooken, en het andere dienstmeisje witte de veranda aan de voorzijde
-van het huis. Hij wierp een vastberaden blik op de groote, puntige
-dorens, en klom in het volgende oogenblik tusschen hen door omhoog.</p>
-<p>O, wat prikten en schramden zij hem! Zijn eene arm gaapte met eene
-groote wond, zijn linkerkous werd weggescheurd en een diepe roode
-schram werd op zijn been zichtbaar, zijne handen bloedden en trilden
-van pijn.</p>
-<p>Maar hij had de vensterbank bereikt, en dat was zijn doel.</p>
-<p>Hij schoof het kleine raam omhoog, en wrong met veel moeite zijn dik
-lichaampje er doorheen. <span class="pagenum">[<a id="pb151" href="#pb151" name="pb151">151</a>]</span>Toen kwam hij op eene plank
-terecht, en liet zich van daar op den grond glijden. Hij had geen tijd
-om naar zijne kwetsuren te kijken, slechts een weemoedige blik sloeg
-hij op de breedste schram en begon toen naar proviand te zoeken. De
-provisiekamer was merkwaardig leeg&mdash;geen bewijsje van cakes, geen
-hapje gelei, geen gevogelte waar ook. Hij brak een groot stuk van een
-brood, en pakte zorgvuldig wat boter in een courant. Er stond nog koud
-vleesch op een schotel, hij sneed er een stevige homp van af, en
-vereenigde dit met een stuk van een zandtaart tot een pakket. Hij borg
-dit alles in zijn matrozenbuisje, en vulde zijne zakken met
-sinaasappels, geconfijte citroenschillen, krenten en andere
-lekkernijen, die hij alle in de stopflesschen vond. En toen maakte hij
-zich tot den moeielijken terugtocht gereed.</p>
-<p>Hij klom op de plank, stak zijn hoofd buiten het venster, en wierp
-een wanhopigen blik op den cactus. En in het oogenblik, dat hij
-nederknielde, weerklonk achter hem het geluid, dat een sleutel maakt,
-als hij in een slot wordt omgedraaid. <span class="pagenum">[<a id="pb152" href="#pb152" name="pb152">152</a>]</span></p>
-<p>Radeloos keek hij om zich heen,&mdash;daar stond Martha in de deur,
-en tot zijn doodelijken schrik sprak zij met zijn vader, die zich in de
-gang bevond.</p>
-<p>&ldquo;Ik zoek de arnica!&rdquo; zeide de kapitein. &ldquo;Naar alle
-waarschijnlijkheid is zij in de provisiekamer, omdat ze daar niet hoort
-te zijn. Ik heb haar in mijne slaapkamer op den schoorsteenmantel laten
-staan, maar de een of ander schijnt noodig gevonden te hebben, er aan
-te komen. Waarom kunnen jelui toch niet met je handen van mijne zaken
-<span class="corr" id="xd26e2378" title="Bron: aiblijven">afblijven</span>?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;En waarom zou ik haar ergens anders gezet hebben?&rdquo;
-antwoordde Martha. &ldquo;Ik maak er mijn beslag niet mede aan, om het
-gebak luchtig te doen zijn, ten minste in den regel niet.&rdquo;</p>
-<p>Zij schudde het hoofd, en door deze beweging werd zij de kleine,
-knielende, bevende gestalte bij het venster gewaar.</p>
-<p>Nu was de deur maar half open, en haar meester stond juist op den
-drempel, dus kon zij alleen van het schouwspel genieten.</p>
-<p>Tweemaal opende zij den mond om te spreken, <span class="pagenum">[<a id="pb153" href="#pb153" name="pb153">153</a>]</span>maar
-Bunby keek haar zoo innig smeekend aan, dat zij hem weer sloot en zelfs
-de flesschen op de plank naast de deur begon na te zien, om hem
-gelegenheid tot ontsnappen te geven.</p>
-<p>Nog &eacute;&eacute;ne minuut en hij zou gered zijn
-geweest&mdash;nog &eacute;&eacute;ne minuut en hij zou midden tusschen
-de doornen van den cactus hebben gehangen, die nu evenwel al het
-afschrikwekkende verloren hadden.</p>
-<p>Maar het lot was hem niet gunstig. En dit kwam alleen, omdat Martha
-Tomlinson&rsquo;s schoen een afgeloopen hak had. Toen zij zich
-omdraaide glipte haar voet uit haar schoen, en om haar evenwicht te
-bewaren, strekte zij eene hand uit. En toen zij de hand uitstrekte
-stootte zij tegen eene kruik. En de kruik deelde den schok mede aan een
-schotel. Deze sloeg om, en schoof de groote melkkan van de plank,
-zoodat zij op den grond sloeg. Ik weet niet, of ge ooit beproefd hebt,
-een planken vloer schoon te maken, nadat er melk op gevallen was, maar
-in ieder geval ben ik er van overtuigd, dat ge u wel kunt voorstellen,
-dat het een onaangenaam werk is, vooral als ge hem denzelfden morgen
-pas duchtig <span class="pagenum">[<a id="pb154" href="#pb154" name="pb154">154</a>]</span>geschrobd had. Men kan er zich dus eigenlijk
-niet over verbazen, dat Martha, in hare groote woede over het ongeluk,
-zich boos omwendde, en naar het kind wijzende, dat als versteend in het
-venster zat, op wanhopigen toon vraagde, hoe de goede heiligen het met
-dien akeligen jongen konden uithouden, haar geduld, in ieder geval, was
-ten einde.</p>
-<p>De kapitein kwam met een woedenden stap de provisiekamer binnen, en
-commandeerde Bunby met luide stem, naar beneden te komen.</p>
-<p>Het jongentje liet zich in hevigen angst op den grond glijden.</p>
-<p>&ldquo;Hij steelt en pakt overal wat weg, en hij liegt dat hij zwart
-ziet!&rdquo; zeide Martha Tomlinson, terwijl zij met een
-onvriendelijken blik naar het ongelukkige kind keek.</p>
-<p>Twee, drie, vier, vijf woedende tikken met de rijzweep, die de
-kapitein in de hand had, en Bunby dook onder zijn arm weg en vluchtte
-huilende de gang door en de achterdeur uit.</p>
-<p>Hij liep over de grasvelden, en snikte bij iederen voetstap, maar
-voelde zich tegelijkertijd <span class="pagenum">[<a id="pb155" href="#pb155" name="pb155">155</a>]</span>door het verheffende gevoel
-bezield, dat hij dit alles droeg terwille van een ander.</p>
-<p>Had iemand hem dit vroeger voorspeld, dan zou hij het nauwelijks
-hebben kunnen gelooven, dat hij ooit zoo iets edels volbrengen zou, en
-de gedachte daaraan verzachtte de pijn, die de klappen en de schrammen
-hem veroorzaakten. Hij beproefde zijn gesnik te onderdrukken, toen hij
-het gebouwtje bereikte, en stopte zelfs voor dat doel eene handvol
-krenten in zijn mond, voor hij er was aangekomen.</p>
-<p>Maar het gezicht, dat weer te voorschijn kwam door het luik naast
-Judy, was hoogst treurig, en droeg de sporen van tranen en van
-krabben.</p>
-<p>Zij bewoog zich niet, hoewel hare oogen half geopend waren, en hij
-knielde neer en raakte haar schouder aan.</p>
-<p>&ldquo;Hier breng ik je wat, Judy! Wil je nu niet iets
-eten?&rdquo;</p>
-<p>Zij schudde langzaam het hoofd.</p>
-<p>&ldquo;Neem wat koud vleesch, of wat rozijnen; ik heb ook geconfijte
-citroenschil, als je daar soms meer zin in hebt!&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb156" href="#pb156" name="pb156">156</a>]</span></p>
-<p>Zij schudde nogmaals het hoofd. &ldquo;Neem alles maar weer mede
-weg!&rdquo; zeide zij zacht kermend.</p>
-<p>Diepe teleurstelling was op zijn klein, verhit gelaat te lezen.</p>
-<p>&ldquo;En ik heb doodsangsten uitgestaan om het te krijgen! He, wat
-ben je een akelig spook!&rdquo; riep hij.</p>
-<p>&ldquo;Ach, ga heen!&rdquo; kermde Judy, terwijl zij haar hoofd
-onrustig dan naar deze, dan naar gene zijde bewoog. &ldquo;O, wat doen
-mijne voeten mij pijn! neen&mdash;mijn hoofd, en mijne zijde&mdash;o,
-ik weet niet wat ik heb!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Hier en hier heb ik slaag gehad,&rdquo; zeide Bunby, de
-plaatsen aanwijzende, en met zijne mouw veegde hij de dikke tranen weg,
-die hij om zijn eigen ongeluk geschreid had. &ldquo;Die ellendige oude
-cactus heeft me overal gekrabd!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Denk je, dat ik nog veel mijlen zal moeten afleggen?&rdquo;
-zeide Judy, en zoo vlug, dat de woorden in elkaar schenen te vloeien.
-&ldquo;Ik heb honderden geloopen, en ben nog niet thuis. Ik denk, dat
-het komt, omdat de aarde rond is, en ik zal <span class="pagenum">[<a id="pb157" href="#pb157" name="pb157">157</a>]</span>zeker spoedig het schoolhek weer binnen
-komen!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Wees niet zoo idioot!&rdquo; zeide Bunby knorrig.</p>
-<p>&ldquo;Ik kan er zeker en stellig op rekenen, nietwaar Marian, dat
-je er nooit een woord van zult zeggen, ik vertrouw op je, en als je
-doet wat je beloofd hebt, kan ik naar huis gaan en weer terug komen, en
-niemand zal er ooit iets van weten. En leen mij twee shillings, wil je?
-Ik heb niet veel geld meer. Bunby, ego&iuml;ste jongen, haal mij toch
-wat melk! Urenlang vraag ik je er al om, en je laat mij maar
-versmachten!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Eet wat vleesch, Judy!&mdash;ach Judy, wees niet zoo vreemd
-en onaardig, ik heb werkelijk doodsangsten uitgestaan toen ik het voor
-je haalde,&rdquo; zeide Bunby, en beproefde met trillende vingers een
-stuk in haar mond te duwen.</p>
-<p>Het kleine meisje wierp zich op de andere zijde en begon weer te
-kreunen.</p>
-<p>&ldquo;Zeven en zeventig mijlen,&rdquo; zeide zij, &ldquo;en
-gisteren heb ik elf geloopen, dat is dus elfhonderd zeven en
-zeventig&mdash;en zes den dag daarvoor omdat ik eene blaar op mijn voet
-had&mdash;dat is elfhonderd drie en tachtig. En als ik tien mijlen
-<span class="pagenum">[<a id="pb158" href="#pb158" name="pb158">158</a>]</span>per dag loop, zal ik thuis zijn in elfhonderd
-drie en tachtig maal tien, dat is duizend en&mdash;en&mdash;hoeveel?
-hoeveel is het? Bunby, kind, kan je mij niet zeggen hoeveel? Mijn hoofd
-doet te veel pijn om uit te rekenen hoeveel jaren duizend en zooveel
-dagen in jaren zijn&mdash;dat is een jaar,&mdash;twee jaar&mdash;twee
-jaar&mdash;drie jaar voor ik er ben. O, Pip, Meg, drie jaar! O Esther!
-vraag hem, vraag hem of hij me niet wil laten thuiskomen! Drie
-jaar&mdash;drie&mdash;drie!&rdquo;</p>
-<p>De laatste woorden werden bijna gillend uitgestooten en het kind
-richtte zich op, en beproefde te loopen.</p>
-<p>Bunby greep haar arm en hield haar vast.</p>
-<p>&ldquo;Laat me gaan, versta je mij niet?&rdquo; zeide zij met
-heesche stem. &ldquo;Zoo zal ik er nooit komen! Drie jaren, en zooveel
-mijlen!&rdquo;</p>
-<p>Zij duwde hem op zijde en wilde over den zolder loopen, maar hare
-knieën knikten en zij viel buiten kennis neer. &ldquo;Meg&mdash;ik
-ga Meg halen!&rdquo; zeide de kleine jongen met trillende, angstige
-stem, en hij gleed door de opening en spoedde zich naar huis.
-<span class="pagenum">[<a id="pb159" href="#pb159" name="pb159">159</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch11" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e336">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p159width"><img src="images/p159.jpg" alt="&ldquo;Eene karaf van geslepen glas onder zijn arm, een wijnglas, dat hij met de tanden bij den voet vasthield, een schotel met koude kip in zijn hand.&rdquo;"
-width="499" height="357">
-<p class="figureHead">&ldquo;Eene karaf van geslepen glas onder zijn
-arm, een wijnglas, dat hij met de tanden bij den voet vasthield, een
-schotel met koude kip in zijn hand.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XI.</h2>
-<h2 class="main">EENE VLUCHTELING.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Als een wervelwind stoof hij Meg&rsquo;s slaapkamer binnen.
-&ldquo;Zij is in het oude gebouwtje, Meg, en, zeker weet ik het niet,
-maar ik denk, dat zij gek geworden is; en ik ben vreeselijk geslagen
-geworden, en de cactus heeft me bijna heelemaal open gekrabd, en ik heb
-toch niets gezegd. En nu wil ze niet eens eten. Zij is
-weggeloopen&mdash;ik geloof zeker, dat ze gek is!&rdquo;</p>
-<p>Meg beurde haar bleek, ontzet gelaat van het <span class="pagenum">[<a id="pb160" href="#pb160" name="pb160">160</a>]</span>kussen op.&mdash;&ldquo;Wie dan
-toch&mdash;wat&mdash;&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Judy!&rdquo; zeide hij, en barstte door overspanning in
-tranen uit. &ldquo;Zij is in het oude gebouwtje, en ik geloof, dat zij
-gek is geworden!&rdquo;</p>
-<p>Meg stond langzaam op, deed hare kleeren aan, en zelfs toen nog
-niets van het avontuurlijke verhaal geloovende, ging zij met hem naar
-beneden.</p>
-<p>In de vestibule ontmoetten zij hun vader, die juist uit wilde
-gaan.</p>
-<p>&ldquo;Ben je weer beter?&rdquo; zeide hij tot Meg. &ldquo;Je hadt
-den geheelen dag in bed moeten blijven, maar, misschien zal de lucht je
-goed doen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Dat denk ik ook,&rdquo; antwoordde zij werktuigelijk.</p>
-<p>&ldquo;Ik kom in de eerste uren niet naar huis&mdash;het zou zelfs
-kunnen zijn, dat Esther en ik eerst morgen ochtend terug
-kwamen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Goed!&rdquo; sprak Meg.</p>
-<p>&ldquo;Pas vooral op de kinderen, en wees zelve
-voorzichtig&mdash;en, dat is waar ook, Bunby gaat vandaag zonder thee
-naar bed&mdash;hij zal niet van honger sterven, daar ben ik zeker
-van.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Goed!&rdquo; zeide het meisje nogmaals, en zij kwam eerst tot
-het besef van wat de laatste woorden <span class="pagenum">[<a id="pb161" href="#pb161" name="pb161">161</a>]</span>beduidden, toen Bunby
-dicht bij haar elleboog verbolgen: &ldquo;Gemeen!&rdquo;
-fluisterde.</p>
-<p>Toen kwam de dogcart voor, en de kapitein vertrok tot hunne
-onuitsprekelijke verlichting.</p>
-<p>&ldquo;Nu, wat is dit voor eene dwaze geschiedenis?&rdquo; zeide
-Meg, terwijl zij zich tot haar broertje wendde. &ldquo;Het zal wel weer
-een van je verzinseltjes zijn, kleine ondeugende jongen!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Kom maar mee!&rdquo; antwoordde Bunby, en hij leidde haar
-door de grasvelden. Halverwege ontmoetten zij Pip en Nell, die vroeger
-dan plan was geweest van de vischvangst terugkwamen. Nellie keek
-treurig voor zich, en liep op een eerbiedigen afstand achter haar
-broeder aan.</p>
-<p>&ldquo;Men zou even goed een phonograaf mee kunnen nemen als
-Nellie!&rdquo; zeide hij, een blik vol toorn op deze schuldige werpend.
-&ldquo;Zij heeft den geheelen tijd door gebabbeld, zoodat ik geen
-oogenblik kans had, dat een visch zou aanbijten.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Judy is thuis!&rdquo; zeide Bunby, vol van het groote nieuws.
-&ldquo;Niemand heeft haar gezien behalve ik, ik heb mijn leven voor
-haar gewaagd door op cactussen te klimmen en in vensters en
-<span class="pagenum">[<a id="pb162" href="#pb162" name="pb162">162</a>]</span>wat al niet, en ik heb slaag gehad van vader,
-maar ik heb toch niets verteld, nietwaar, Meg? Ik heb haar hier in het
-oude gebouwtje ondergebracht, en heb vleesch en van allerlei voor haar
-gehaald&mdash;kijk nu toch eens even naar mijne beenen!&rdquo;</p>
-<p>Vol fierheid toonde hij zijne schrammen, maar Meg ging haastig
-verder, en Pip en Nellie volgden, een en al verbazing. Bij het
-gebouwtje gekomen stonden zij stil.</p>
-<p>&ldquo;Het is een grap van Bunby!&rdquo; zeide Pip verachtelijk.
-&ldquo;Het is nog niet de eerste April, mijn zoon!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Kom dan toch mee!&rdquo; antwoordde Bunby, en klom omhoog.
-Pip volgde, en stootte een zachten kreet uit; daarop klauterden Meg en
-Nell, met meer moeite, naar boven, en toen was het gezelschap
-bijeen.</p>
-<p>Judy was tot rust gekomen, en lag met wijd geopende oogen, moede,
-naar de dakbalken te staren.</p>
-<p>Zij keek hen glimlachend aan, toen zij zich allen om haar schaarden.
-&ldquo;Als Mahomet niet <span class="pagenum">[<a id="pb163" href="#pb163" name="pb163">163</a>]</span>naar den berg wil
-komen&#8202;&hellip;&rdquo; zeide zij, en hoestte toen twee of drie
-minuten lang.</p>
-<p>&ldquo;Wat ben je begonnen, Judy, zusjelief?&rdquo; zeide Pip, met
-eene vreemde trilling in zijne stem. Het gezicht van zijne
-lievelingszuster, die mager, met holle wangen, uitgeput daar neer lag,
-greep zijn warm jongenshart aan. Er kwam een nevel voor zijne
-oogen.</p>
-<p>&ldquo;Hoe ben je hier gekomen, Judy?&rdquo; zeide hij, sterk met de
-oogleden knippend.</p>
-<p>En het meisje keek tot hem op met haar eigenaardigen, stralenden
-blik. &ldquo;Rijpaardjes houden ze er bij ons op school niet op
-na,&rdquo; zeide zij, &ldquo;maar misschien dacht je, dat ik in een
-ballon hierheen was komen drijven?&rdquo;</p>
-<p>Weer hoestte zij.</p>
-<p>Meg viel op hare knieën en sloeg hare armen om haar klein,
-mager zusje.</p>
-<p>&ldquo;Judy!&rdquo; riep zij. &ldquo;O, Judy, Judy, mijn arm
-kind!&rdquo;</p>
-<p>Judy lachte even en noemde haar dwaas, maar weldra verdween die
-opgeruimde stemming en begon zij zenuwachtig te snikken. &ldquo;Ik heb
-zulk <span class="pagenum">[<a id="pb164" href="#pb164" name="pb164">164</a>]</span>een honger!&rdquo; zeide zij ten laatste
-droevig.</p>
-<p>Alle vier sprongen op, als wilden zij de gezamenlijke magazijnen van
-Sydney leeg gaan dragen, om haar honger te stillen. Maar Meg ging weer
-zitten en legde het hoofdje met de woeste krullen in haar schoot.</p>
-<p>&ldquo;Pip, ga jij naar huis,&rdquo; zeide zij, &ldquo;en haal wijn
-en een glas, en in den vliegenkast staat een gebraden kip; ik kreeg
-daar een gedeelte van bij den lunch, en Martha zeide, dat zij het
-overblijvende zou wegzetten, en dat ik het bij de thee kon krijgen; en
-kom gauw terug, Pip!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Natuurlijk!&rdquo; zeide Pip bij zich zelven, en hij vloog de
-trap af, naar het woonhuis.</p>
-<p>&ldquo;Wel heb ik van mijn leven!&rdquo; zeide Martha, toen zij hem
-vijf minuten later in de gang tegenkwam, en hij eene karaf van geslepen
-glas onder den arm had, een wijnglas bij zich had dat hij met de tanden
-bij den voet vasthield, en een schotel met koude kip in zijne hand
-droeg, waarop ook nog een stapeltje boterhammen lag. &ldquo;Wel heb ik
-van mijn leven! En wat nu nog meer?&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb165" href="#pb165" name="pb165">165</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Loop naar je grootje!&rdquo; zeide Pip, stormde haar in
-groote haast voorbij, en maakte een omweg om naar het gebouwtje te
-komen, daar hij dacht, dat zij hem wellicht bespiedde.</p>
-<p>Hij knielde naast zijn zusje neer, en verkwikte haar met kleine
-stukjes kip en teugen wijn, en streek over haar woesten haardos, en
-noemde haar wel vijftig maal zijn liefste zusje, en smeekte haar toch
-vooral nog een beetje te eten.</p>
-<p>En Judy, die den blik der bruine, vochtige oogen boven haar, opving,
-at alles wat hij haar gaf, hoewel het haar in het begin bijna
-onmogelijk scheen. Zij zou hebben gegeten, al had hij haar olifantshuid
-aangeboden, nu zij gevoelde, dat zij van dezen broeder meer hield, dan
-van wien ook op de geheele wereld, en dat hij zulk een verdriet had. En
-het voedsel deed haar goed, zij ging opzitten en praatte na eene korte
-poos op geheel natuurlijken toon.</p>
-<p>&ldquo;Je hadt het heusch niet moeten doen, Judy, heusch niet! En
-wat vader tegen je zal zeggen, nu, dat zullen we moeten
-afwachten.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Hij zal er nooit iets van weten, dat ik hier <span class="pagenum">[<a id="pb166" href="#pb166" name="pb166">166</a>]</span>ben,&rdquo; antwoordde zij snel. &ldquo;Ik zou
-het jelui nooit vergeven, als je het hem verteldet. Ik kan maar eene
-week hier blijven. Ik heb alles uitstekend ingericht, en ik zal op
-dezen zolder logeeren; vader komt hier nooit, dus ben ik hier veilig,
-en jelui komt mij eten brengen. En na eene week&rdquo;&mdash;zij
-zuchtte diep, &ldquo;moet ik weer weg!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Heb je werkelijk al die mijlen geloopen alleen om ons weer te
-zien?&rdquo; zeide Pip, en weer was er die vreemde trilling in zijne
-stem.</p>
-<p>&ldquo;Een paar maal onder weg heb ik kunnen sporen of
-rijden,&rdquo; zeide zij, &ldquo;maar overigens heb ik altijd geloopen,
-ik ben bijna eene week onderweg geweest.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Hoe heb je dat kunnen uithouden, Judy? Waar sliep je, wat at
-je?&rdquo; riep Meg uit, met groote droefheid.</p>
-<p>&ldquo;Dat ben ik bijna alweer vergeten!&rdquo; zeide Judy, en zij
-sloot hare oogen. &ldquo;Ik heb aan kleine woningen om eten verzocht,
-en soms vraagde men mij, of ik niet wilde blijven slapen. En dan had ik
-nog drie shillings en zes pennies<span class="pagenum">[<a id="pb167"
-href="#pb167" name="pb167">167</a>]</span>&mdash;daar ben ik lang mede
-toegekomen. Ik heb maar twee nachten buiten geslapen, en toen had ik
-toch altijd mijn manteltje.&rdquo;</p>
-<p>Megs gelaat was bleek van ontsteltenis, bij het verhaal van haar
-zusters avonturen. Zeker zou geen ander meisje dan Judy Woolcot op het
-buitensporige denkbeeld zijn gekomen al die mijlen te voet af te leggen
-met drie shillings en zes pennies in den zak.</p>
-<p>&ldquo;Hoe heb je het kunnen doen?&rdquo; was alles, wat zij
-zeide.</p>
-<p>&ldquo;Ik was niet van plan geweest, den geheelen weg te
-loopen,&rdquo; zeide Judy met een flauw glimlachje. &ldquo;Ik had zeven
-shillings in een stukje papier in mijn zak gestoken, evenals de drie
-shillings en de zes pennies, en ik wist, dat ik daarvoor een heel eind
-zou kunnen komen met den trein. Maar ik verloor het eene papiertje
-onder weg, en ik wilde daar niet voor teruggaan, dus moest ik
-natuurlijk loopen.&rdquo;</p>
-<p>Meg raakte hare wang even aan.</p>
-<p>&ldquo;Het is geen wonder, dat je zoo mager geworden bent!&rdquo;
-zeide zij. <span class="pagenum">[<a id="pb168" href="#pb168" name="pb168">168</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;O, Marian en ik hebben alles bedisseld!&rdquo; zeide Judy,
-met een glimlach. &ldquo;Marian is mijn vriendinnetje en zij doet alles
-wat ik haar zeg. En zij woont in Katoomba.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Nu?&rdquo; zeide Meg nieuwsgierig, toen hare zuster
-zweeg.</p>
-<p>&ldquo;Nu, zie je, heel veel meisjes op school hebben de mazelen, en
-dus moest Marian thuis komen, want hare familie was bang dat zij ze ook
-zou krijgen. En Marians moeder had mij gevraagd, een veertien dagen
-mede te komen, en dus had Miss Burton aan vader geschreven en gevraagd
-of ik mocht. En toen heb ik een brief geschreven en gevraagd, of ik die
-veertien dagen niet liever thuis mocht komen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Daar heeft hij nooit iets van gezegd!&rdquo; zeide Meg
-zacht.</p>
-<p>&ldquo;Neen, dat kan ik wel begrijpen. Nu, hij heeft terug
-geschreven en antwoordde mij &ldquo;neen&rdquo; en haar
-&ldquo;ja.&rdquo; En dus brachten zij ons op een goeden dag naar den
-trein, en in Katoomba zouden wij afgehaald worden. En toen wij onderweg
-waren, kwam ik plotseling op de gedachte: <span class="pagenum">[<a id="pb169" href="#pb169" name="pb169">169</a>]</span>&ldquo;Waarom zou ik
-niet op mijn eigen houtje naar huis gaan?&rdquo; Dus zeide ik Marian,
-dat zij thuis moest vertellen, dat ik naar huis was gegaan, en dat zij
-haar verhaal zoo moest inrichten, dat niemand er aan zou denken,
-hierover aan Miss Burton te schrijven. En toen hield de trein in
-Blackheath op, en ik sprong er uit, en zij ging naar Katoomba, en ik
-kwam naar huis. Dat is de geheele geschiedenis. En dus, jelui begrijpt,
-daar ik mijn geld verloren had, bleef mij niets over dan te
-loopen.&rdquo;</p>
-<p>Meg streek over het stoffige, verwarde haar van haar zusje.</p>
-<p>&ldquo;Maar je kunt hier niet eene week lang logeeren!&rdquo; zeide
-zij bezorgd. &ldquo;Door het slapen in de open lucht heb je je eene
-ernstige verkoudheid op den hals gehaald, en ik ben er van overtuigd,
-dat je ziek bent. Wij zullen alles aan vader moeten zeggen. En ik zal
-hem verzoeken, je niet terug te zenden.&rdquo;</p>
-<p>Judy vloog op, hare oogen fonkelden.</p>
-<p>&ldquo;Als je dat doet,&rdquo; zeide zij, &ldquo;als je dat doet,
-dan loop ik van avond nog weg naar Melbourne, <span class="pagenum">[<a id="pb170" href="#pb170" name="pb170">170</a>]</span>of
-naar Jeruzalem, en dan kom ik nooit, nooit weer terug! Hoe kom je daar
-aan, Meg? Nadat ik dit alles gedaan heb, alleen maar opdat hij er niets
-van zou weten! O, hoe kom je er aan?&rdquo;</p>
-<p>Zij wond zich tot een hevigen toestand van overspanning op.</p>
-<p>&ldquo;Je begrijpt immers wel, Meg, dat ik eenvoudig morgen weer
-naar school zou worden gestuurd. Is dat niet zoo, Pip? En op school zou
-mij op den koop toe nog heel wat te wachten staan. Mijn plan is zoo
-eenvoudig mogelijk. Ik heb hier eerst een week lang pret met jelui, en
-dan ga ik weer terug naar school&mdash;jelui kunt mij allen geld leenen
-voor den trein. Den 25<sup>sten</sup> ontmoet ik Marian in Katoomba; we
-zullen samen terugkeeren en niemand zal ooit iets te weten komen. Die
-hoest beduidt niets; vroeger heb ik ook altijd gehoest, en het heeft
-mij nooit kwaad gedaan. Zoolang jelui mij genoeg eten brengt, en bij
-mij komt, is alles in orde.&rdquo;</p>
-<p>De rust en het voedsel en het zien der welbekende gezichten hadden
-haar reeds goed gedaan, <span class="pagenum">[<a id="pb171" href="#pb171" name="pb171">171</a>]</span>haar gelaat was minder spits, en
-een zacht rose tintte langzaam hare wangen.</p>
-<p>Meg had een beklemmend gevoel van verantwoordelijkheid, en zij
-achtte zich verplicht, ten minste aan iemand het gebeurde te vertellen;
-maar de anderen overreedden haar.</p>
-<p>&ldquo;Zoo laag zou je toch niet kunnen zijn, Meg!&rdquo; had Judy
-met overtuiging gezegd, toen zij gesmeekt had Esther alles te mogen
-vertellen.</p>
-<p>&ldquo;Zulk een flapuit!&rdquo; had Bunby er toe gevoegd.</p>
-<p>&ldquo;Zulk een verachtelijk schepsel!&rdquo; had Pip
-uitgeroepen.</p>
-<p>En dus zweeg Meg, maar was buitengewoon ongelukkig.</p>
-<div class="figure o187width"><img src="images/o048.png" alt="Ornament." width="103" height="37"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb172" href="#pb172" name="pb172">172</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch12" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e345">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p172width"><img src="images/p172.jpg" alt="&ldquo;Ga de kamer uit!&rdquo; zeide Martha nog eens, terwijl zij den veger in zijn gezicht duwde, en hem bijna in het stof deed stikken."
-width="482" height="327">
-<p class="figureHead">&ldquo;Ga de kamer uit!&rdquo; zeide Martha nog
-eens, terwijl zij den veger in zijn gezicht duwde, en hem bijna in het
-stof deed stikken.</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XII.</h2>
-<h2 class="main">ZWIEP, ZWIEP!</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Op den vierden dag van Judy&rsquo;s verblijf op den zolder, deelde
-Martha Tomlinson haar kameraad en lijdensgenoot, Bridget, mede, dat zij
-geloofde, dat de kinderen samen zwoeren om haar naar &ldquo;den
-overkant&rdquo; te krijgen.</p>
-<p>Bridget had dien nacht niet buitengewoon goed geslapen, en dus gaf
-zij als antwoord de opmerking <span class="pagenum">[<a id="pb173"
-href="#pb173" name="pb173">173</a>]</span>ten beste, dat zij
-veronderstelde, dat de lieve jeugd haar daar wenschte te zien, waar zij
-ook behoorde te zijn.</p>
-<p>Ik moet u misschien vertellen, dat &ldquo;aan den overkant&rdquo;
-hetzelfde beduidde als Gladesville, en dat dit het Meer-en-Berg van
-Sydney is.</p>
-<p>Verscheidene oorzaken hadden de ongelukkige Martha er toe gebracht,
-aan zulk eene samenzwering te gelooven. Bij voorbeeld, toen zij eens op
-een morgen Pips bed wilde gaan opmaken was de helft van het beddegoed
-verdwenen. De witte sprei was netjes over de matras gelegd, maar er was
-niets te bekennen van dekens, lakens of kussens. Zij zocht op alle
-mogelijke en onmogelijke plaatsen, ondervraagde de kinderen, wendde
-zich zelfs tot Esther, maar de vermiste voorwerpen werden niet
-gevonden.</p>
-<p>&ldquo;Een man met een broek van geribd fluweel zwerft hier iederen
-avond om het huis!&rdquo; zeide Pip, terwijl hij weemoedig naar zijn
-ontredderd bed keek. &ldquo;Het zou mij niet verwonderen, als die daar
-iets mede te maken had.&rdquo;</p>
-<p>Welke veronderstelling alles behalve aangenaam <span class="pagenum">[<a id="pb174" href="#pb174" name="pb174">174</a>]</span>voor
-Martha was, aangezien de man met de broek van geribd fluweel haar
-vurigste en uitverkoren aanbidder was.</p>
-<p>Den volgenden dag verdween de waschkom uit Megs slaapkamer, en
-daarop een stoel uit de kinderkamer, evenals een vloerkleedje, om niet
-te spreken van zulke kleine voorwerpen als een trekpot, een
-spirituslampje, kopjes en schotels, een halve ham, en een volle trommel
-met gembernootjes.</p>
-<p>Dit alles verdroot Martha, want de voorwerpen schenen te verdwijnen,
-terwijl de kinderen in bed waren; en hoewel zij hen verdacht, en hen
-voortdurend gade sloeg, kon zij geen duidelijk bewijs van hunne schuld
-machtig worden, en evenmin de drijfveer ontdekken, die er hen toe zou
-kunnen brengen, het een en ander weg te nemen.</p>
-<p>En telkens als er weer iets kwijt was, vraagde Pip of de in geribd
-fluweel gekleede jongeling den vorigen avond in den omtrek van het huis
-gezien was. En daar dit altijd het geval was, kon Martha niets anders
-doen, dan met een <span class="pagenum">[<a id="pb175" href="#pb175"
-name="pb175">175</a>]</span>toornigen blik op haar plaaggeest, de kamer
-uitstuiven.</p>
-<p>Op zekeren avond was de kleine schaaktafel uit de kinderkamer door
-eene geheimzinnige macht weggetooverd.</p>
-<p>Den volgenden morgen, toen Martha aan het vegen was, kwam Pip naar
-haar toe, en deed, alsof hij in tranen zwom.</p>
-<p>&ldquo;&ldquo;Hoe lieflijk is het nederig viooltje!&rdquo;&rdquo;
-zeide hij met gebroken stem. &ldquo;Ach, Martha, Martha! nu eerst, nu
-je dagen bij ons geteld zijn, zien wij in, welk een schat wij in je
-bezitten!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ach, ga heen!&rdquo; zeide zij, en sloeg naar hem met den
-steel van den stoffer. &ldquo;Ik denk er niet aan, heen te gaan, hoor!
-Als ik er niet meer was, zouden jelui heelemaal uit den band springen.
-Neen, je bent nog niet zoo gauw van Martha Tomlinson af!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Maar moet je dan niet naar hem toe gaan, Martha?&rdquo; zeide
-hij vriendelijk. &ldquo;De inrichting van zijn huis moet nu wel
-nagenoeg compleet zijn. Hij heeft wel is waar nog geen sauspan en geen
-strijkijzers, maar overigens dan ook alles, <span class="pagenum">[<a id="pb176" href="#pb176" name="pb176">176</a>]</span>Martha; en ik wil je nu ook wel vertellen, dat
-ik van plan ben, je als huwelijksgeschenk een strijkijzer cadeau te
-doen, dus behoef je niet te wachten, tot hij het is komen
-halen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ga de kamer uit!&rdquo; zeide Martha nog eens, terwijl zij
-den veger in zijn gezicht duwde, en hem bijna in het stof deed stikken.
-&ldquo;Je weet van dwaasheid niet wat je zegt!&rdquo;</p>
-<p>Op den zolder in het gebouwtje ging alles naar wensch.</p>
-<p>Eenige oude, tegen den muur opgehangen karpetten hielden den tocht
-tegen. Judy&rsquo;s bed, zacht en warm, bevond zich in een hoek; zij
-had een stoel om op te zitten, eene tafel om aan te eten, zelfs eene
-waschkom. En zij had den geheelen dag gezelschap, ook dikwijls den
-geheelen nacht. Eens was Meg weggeslopen, nadat zij de deur harer
-slaapkamer afgesloten had, en had ook op het bed op den zolder
-geslapen; eens was Nellie gegaan, en een anderen avond had Pip een paar
-wollen dekens genomen en had hij zich zelf een leger in het stroo
-gemaakt. Zij bezochten haar op alle uren van den dag, en kropen de een
-na <span class="pagenum">[<a id="pb177" href="#pb177" name="pb177">177</a>]</span>den ander, de krakende ladder op, wanneer zij
-maar onopgemerkt konden wegkomen.</p>
-<p>De gouvernante had toevallig veertien dagen vrij gekregen, om hare
-zieke moeder op te passen, en dus konden de meisjes en Bunby over al
-hun tijd beschikken. Pip ging laat naar school, en kwam vroeg naar
-huis, en zocht van Esther briefjes voor den directeur af te bedelen.
-Zelfs bleef hij eens stilletjes weg, en droeg de straf, die hem
-daarvoor later werd opgelegd, met kalme gelatenheid.</p>
-<p>Judy zag er nog altijd bleek en vermoeid uit, en haar hoest was
-werkelijk onrustbarend; maar zij kreeg weldra hare oude, levendige
-opgewektheid weer, en genoot onuitsprekelijk van haar avontuur.</p>
-<p>Het eenige onaangename was de zeer beperkte ruimte van den
-zolder.</p>
-<p>&ldquo;Jelui moet het zoo inrichten, dat ik eene wandeling kan gaan
-maken,&rdquo; zeide zij op een morgen zeer beslist. &ldquo;Ik ben er
-van overtuigd, dat mijne beenen langzamerhand korter beginnen te
-worden, nu ik ze niet meer kan gebruiken. <span class="pagenum">[<a id="pb178" href="#pb178" name="pb178">178</a>]</span>Tegen het eind van de
-week zal ik vergeten zijn, wat wandelen is.&rdquo;</p>
-<p>Pip dacht niet, dat haar wensch vervuld kon worden; Meg smeekte
-haar, zich niet bloot te stellen; maar Bunby en Nell waren vol
-geestdrift voor het plan.</p>
-<p>&ldquo;Meg zou met vader kunnen gaan praten,&rdquo; zeide Bunby,
-&ldquo;en Pip zou den Generaal kunnen plagen, tot Esther niet meer uit
-de kamer zou durven gaan, en dan konden ik en Judy gauw naar beneden
-klimmen en een wandelingetje maken, en we zouden weer terug zijn,
-v&oacute;&oacute;r iemand iets gemerkt had.&rdquo;</p>
-<p>Judy schudde het hoofd.</p>
-<p>&ldquo;Daar zou ik al zeer weinig aan hebben,&rdquo; zeide zij.
-&ldquo;Als ik ga, wil ik ook een tijdje in de vrije lucht blijven.
-Zouden we niet een picnic aan den waterkant kunnen houden?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;He ja, laten we dat doen!&rdquo; riep Bunby, met stralende
-oogen.</p>
-<p>&ldquo;Ik geloof heusch, dat we het wel konden wagen, vooral daar
-het toch ook Zaterdag is, en Pip niet naar school hoeft,&rdquo;
-vervolgde Judy, <span class="pagenum">[<a id="pb179" href="#pb179"
-name="pb179">179</a>]</span>en in hare gedachten spon zij het geheele
-plan uit. &ldquo;Twee van jelui zouden voor eten kunnen zorgen. Zegt
-Martha, dat jelui een picnic willen houden,&mdash;zij zal blij genoeg
-zijn, dat zij niet voor het middageten behoeft te dekken&mdash;en dan
-gaan jelui vooruit. Twee anderen kunnen op wacht staan, om te zien, of
-er geen vijand te bekennen is, terwijl ik naar beneden kom en door de
-grasvelden loop, en als we maar eens om den hoek van den weg zijn, zijn
-we gered!&rdquo;</p>
-<p>Dit scheen alles zeer uitvoerbaar, en in zeer korten tijd waren alle
-toebereidselen gemaakt. Pip stond op wacht bij het gebouwtje, en had op
-zich genomen, Judy&rsquo;s uittocht te bewaken, Bunby was bij de
-veranda achter het huis op post gezet, om uit te kijken en driemaal te
-fluiten, als er eenig gevaar was.</p>
-<p>Hij zou een kwartier, gerekend naar de keukenklok, wachten, en dan,
-indien alles veilig was, den grooten theeketel en een brood medenemen,
-en de anderen op den weg opvangen. Het was eene saaie bezigheid, om
-daar te staan wachten, en, als een peinzende ooievaar, stond hij op
-&eacute;&eacute;n been, en <span class="pagenum">[<a id="pb180" href="#pb180" name="pb180">180</a>]</span>hield zich bezig met de
-gebeurtenissen der laatste, veel bewogen dagen nog eens te
-overdenken.</p>
-<p>Een gedrukte stemming had zich van hem meester gemaakt, maar hoe dit
-kwam, kon hij moeielijk zeggen. Misschien bezwaarde hem de leugen, die
-hij aan zijn vader verteld had, en waarover hij niet weer gesproken
-had, omdat het paard leelijk hinkte, en hem de moed in de schoenen
-zonk, elken keer dat hij aan de rijzweep van zijn vader dacht.</p>
-<p>Misschien was het de reactie na de groote opwinding. Of het kon een
-knagend gevoel van verongelijking zijn, omdat zijne dappere daden ten
-bate van Judy bij de anderen zoo weinig bewondering hadden ingeoogst.
-Zij schenen ze hem volstrekt niet aan te rekenen, en lachten zelfs
-elken keer, dat hij er eene toespeling op maakte, of de algemeene
-aandacht op zijne schrammen zocht te vestigen. Twee of drie krabben op
-zijne beenen waren werkelijk leelijk genoeg, en terwijl hij stond te
-wachten stroopte hij zijne kousen omlaag en keek met medelijdende
-blikken en iets als een snik naar zijne wonden. <span class="pagenum">[<a id="pb181" href="#pb181" name="pb181">181</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Niemand bekreunt zich om mij!&rdquo;&mdash;pruttelde hij, en
-eene traan&mdash;hij kon ze altijd zoo gemakkelijk
-schreien&mdash;plaste neer op zijn uitgestrekt, ontbloot been.
-&ldquo;Judy houdt het meest van Pip, en <i>hij</i> is toch nooit op den
-cactus geklommen; Meg denkt, dat ik altijd jok, en Nellie zegt, dat ik
-te vies ben om met eene tang aan te raken&mdash;niemand bekreunt zich
-om mij!&rdquo;</p>
-<p>Nog eene groote, dikke traan welde omhoog en viel toen neer.</p>
-<p>&ldquo;Heb je daar wortel geschoten?&rdquo; vraagde eene stem.</p>
-<p>Zijn vader, die in de opengeslagen veranda-deur stond te rooken, had
-hem gade geslagen, en zich over zijne ongewone, groote kalmte
-verwonderd.</p>
-<p>Bunby schrikte op, en trok zijne kousen omhoog.</p>
-<p>&ldquo;Ik doe niets geen kwaad!&rdquo; zeide hij treurig, na een
-poosje. &ldquo;Niets geen kwaad! Ik ga naar een picnic!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Zoo!&rdquo; zeide de kapitein. &ldquo;Je zaagt er uit, alsof
-je over het een of andere nieuwe kattekwaad <span class="pagenum">[<a id="pb182" href="#pb182" name="pb182">182</a>]</span>nadacht, of berouw had over een ondeugenden
-streek&mdash;nu, wat is het geval?&rdquo;</p>
-<p>Bunby werd bleek, maar herhaalde, dat hij &ldquo;niets geen kwaad
-deed.&rdquo;</p>
-<p>De kapitein was in eene loome, plaagachtige stemming, en zijn dik
-zoontje scheen hem eene welkome gelegenheid aan te bieden, om hiervan
-blijk te geven.</p>
-<p>&ldquo;Het zou wel goed zijn, als je eens hier kwaamt, en al het
-kwaad, dat je deze week uitgevoerd hebt, opbiechtet!&rdquo; zeide hij
-ernstig. &ldquo;Ik ben den geheelen morgen vrij, en het wordt tijd, dat
-ik je eens ernstig onder handen neem!&rdquo;</p>
-<p>Bunby naderde de leuning van den hem aangewezen stoel, en werd
-witter dan ooit.</p>
-<p>&ldquo;Zoo, nu kunnen we op ons gemak praten. Dus, Dinsdag heb je
-uit de provisiekamer gestolen&mdash;dat is &eacute;&eacute;n
-misdaad,&rdquo; zeide hij om hem op weg te helpen. &ldquo;Ga
-voort.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik heb niets anders uitgevoerd!&rdquo; stotterde Bunby. Hij
-voelde, dat het met hem gedaan was, en dat de geschiedenis van den
-cricketbal ontdekt zou worden. Hij keek zelfs zenuwachtig <span class="pagenum">[<a id="pb183" href="#pb183" name="pb183">183</a>]</span>rond, of de rijzweep nergens te zien was. Ja,
-daar lag die van Esther met den zilveren knop, achteloos op een stoel
-neergeworpen. Hij vond nog den tijd om vurig te wenschen, dat Esther
-wat netter mocht zijn.</p>
-<p>&ldquo;Werkelijk niets, Bunby? op je woord?&rdquo; zeide zijn vader
-op indrukwekkenden toon.</p>
-<p>&ldquo;Ik w-was aan het knikkeren!&rdquo; zeide hij met bevende
-stem. &ldquo;Hoe zou ik dus het paard hebben kunnen kwaad
-doen?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Het paard? Ha!&rdquo;&mdash;riep zijn vader. Er ging hem een
-licht op, en zijn gelaat werd zeer ernstig. &ldquo;Wat heb je naar
-Mazeppa gegooid, waardoor hij kreupel geworden is? Antwoord mij
-<span class="corr" id="xd26e2766" title="Bron: onmiddelijk">onmiddellijk</span>!&rdquo;</p>
-<p>Bunby wierp een schuwen blik naar de zweep.</p>
-<p>&ldquo;N-n-niets,&rdquo;&mdash;zeide hij&mdash;&ldquo;h-heusch
-niets! Mijn <span class="corr" id="xd26e2773" title="Bron: c-c-criketbal">c-c-cricketbal</span> lag in den stal. Ik was aan
-het knikkeren!&rdquo;</p>
-<p>De kapitein schudde hem even aan den arm.</p>
-<p>&ldquo;Heb je Mazeppa met den <span class="corr" id="xd26e2780"
-title="Bron: crickretbal">cricketbal</span> gegooid?&rdquo; zeide hij
-streng. <span class="pagenum">[<a id="pb184" href="#pb184" name="pb184">184</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;N-n-neen, n-neen!&rdquo;&mdash;fluisterde Bunby, wit tot in
-zijne lippen. Toen overweldigde hem ten deele zijn berouw en hij voegde
-er bij: &ldquo;Hij rolde uit mijn z-z-zak, en M-Mazeppa kwam juist
-voorbij en st-stootte er tegen met zijn poot.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Zeg de waarheid of het zal je slecht gaan!&rdquo;&mdash;zeide
-de kapitein, opstaande, en Esther&rsquo;s rijzweep in de hand
-nemende.&mdash;&ldquo;En dus&mdash;heb jij Mazeppa kreupel
-gemaakt?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ja!&rdquo; zeide Bunby, en hij barstte in tranen uit, en
-wrong zich in allerlei bochten, om aan de zweep te ontkomen.</p>
-<p>Daarop, toen de slagen op zijne rampzalige schouders nederdaalden,
-vervulde hij de lucht met zijn gewonen kreet van: &ldquo;Ik heb het
-niet gedaan, het was mijn schuld niet!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Jij verachtelijke schavuit!&rdquo;&mdash;zeide zijn vader,
-toen hij een oogenblik moest pauzeeren, daar zijn arm pijn deed van het
-slaan. &ldquo;Ik zal dien lagen geest van leugenachtigheid en lafheid
-uit je ranselen, en als je niet verandert, zie ik je liever dood voor
-mij liggen!&rdquo; Zwiep, zwiep. &ldquo;Wat <span class="pagenum">[<a id="pb185" href="#pb185" name="pb185">185</a>]</span>moet
-er van je groeien?&rdquo; Zwiep, zwiep. &ldquo;Liegen omdat je bang
-bent voor slaag!&rdquo; Zwiep, zwiep, zwiep, zwiep.</p>
-<p>&ldquo;U slaat me dood, u slaat me dood! Ik voel, dat u me dood
-slaat!&rdquo; gilde het kind, en wentelde zich over den grond.
-&ldquo;Ik heb het niet gedaan, het was mijn schuld niet. Sla de anderen
-liever!&rdquo;</p>
-<p>Zwiep, zwiep, zwiep. &ldquo;Denk je, dat de anderen zoo onbeschaamd
-zouden liegen? Philip heeft nooit gelogen. Judy zou liever hare tong
-afbijten.&rdquo; Zwiep, zwiep, zwiep. &ldquo;Je gaat naar een picnic?
-Je kunt op je kamer picnic houden tot morgen ochtend vroeg.&rdquo;
-Zwiep, zwiep, zwiep. &ldquo;Nu&mdash;maak dat je wegkomt!&rdquo;</p>
-<p>Meer had geen menschelijk wezen kunnen verdragen.</p>
-<p>De laatste slag was eene ware marteling geweest voor zijne trillende
-schouders en zijn gepijnigden rug. Hij dacht aan de anderen, die,
-gelukkig en zonder zorg, daar buiten in den helderen zonneschijn op weg
-waren naar de rivier, zonder het minste vermoeden van wat hij doorstaan
-<span class="pagenum">[<a id="pb186" href="#pb186" name="pb186">186</a>]</span>moest, en zijn hart scheen door de hevigheid van
-zijne verbittering en zijne wanhoop te zullen moeten barsten.
-&ldquo;Judy is thuis!&rdquo; zeide hij hijgend en hartstochtelijk.
-&ldquo;Zij is in het oude gebouwtje. Boe-hoe-hoe! Ze houden het geheim
-voor u! Boe-hoe! Zij gaat naar den picnic, en zij is van school
-weggeloopen.&rdquo;</p>
-<div class="figure o186width"><img src="images/o186.png" alt="Ornament." width="104" height="35"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb187" href="#pb187" name="pb187">187</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch13" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e354">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p187width"><img src="images/p187.jpg" alt="&ldquo;Judy lag op het ge&iuml;mproviseerde bed, in een diepen slaap verzonken.&rdquo;"
-width="481" height="333">
-<p class="figureHead">&ldquo;Judy lag op het ge&iuml;mproviseerde bed,
-in een diepen slaap verzonken.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XIII.</h2>
-<h2 class="main">ONGENOODE GASTEN.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>De kapitein liep langzaam door de grasvelden met zijn tuinhoed
-achterover. Na het tooneel met zijn tweeden zoon was hij min of meer
-vermoeid, en zijne oogen keken peinzend rond. Hij geloofde niet aan de
-waarheid van Bunby&rsquo;s laatste mededeeling, maar toch vond hij haar
-niet volstrekt onwaarschijnlijk, en daarom had hij een bezoek aan het
-gebouwtje niet juist overbodig geoordeeld. Niet dat hij, hoe dan ook,
-geloofde, zijne verbannen dochter daar te vinden, want Bunby had
-<span class="pagenum">[<a id="pb188" href="#pb188" name="pb188">188</a>]</span>immers gezegd, dat zij een picnic aan den
-waterkant wilden houden? Maar hij dacht, dat hij misschien toch wel de
-eene of andere aanduiding ontdekken zou. De deur van het gebouwtje
-sloeg open, en het zonlicht stroomde naar binnen en bracht dwars door
-de ruimte een balk van gouden stof aan.</p>
-<p>Er was hier geen teeken van de aanwezigheid van bewoners, behalve
-wanneer een haarlint van Meg en eenige sinaasappelschillen als zoodanig
-beschouwd konden worden.</p>
-<p>Hij zag de wrakke, eigengemaakte ladder, die tegen de opening in de
-zoldering geleund stond, en hoewel hij over het algemeen meer eerbied
-voor zijne ledematen had, dan zijne kinderen voor de hunne, waagde hij
-er zich op. Zij kraakte geweldig, toen hij de bovenste sport bereikt
-had en van deze op den zolder stapte.</p>
-<p>Het been van een ham, eene doos met dominosteenen en een gebarsten
-kussen lagen aan deze zijde van het schot, anders niets, dus ging hij
-verder en keek over de schutting op den anderen zolder. <span class="pagenum">[<a id="pb189" href="#pb189" name="pb189">189</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Gezellig genoeg ingericht,&rdquo; mompelde hij. &ldquo;Het
-zou mij niet kunnen schelen zelf hier een tijdje te kampeeren,&rdquo;
-en het kwam zelfs bij hem op dit te doen, en voor Judy &ldquo;eene
-verrassing&rdquo; te zijn, als zij terugkwam. Maar hij verwierp dit
-plan als niet overeenstemmend met zijne waardigheid. Hij herinnerde
-zich, dat hij in zijn huis geruchten had gehoord van verdwenen huisraad
-en er kwam iets als een glimlach om zijn mond, toen hij het oude
-tafeltje met de spirituslamp en den trekpot er op, het beddegoed en de
-waschkom zag. Maar met een strengen blik fronsde hij weldra het
-voorhoofd. Waren zeven en zeventig mijlen geene voldoende hinderpaal
-voor Judy&rsquo;s ondeugende plannen? Hoe durfde zij hem zoo tarten,
-zij een kind van dertien jaar tegenover haar vader? Hij sloot de lippen
-onheilspellend vast, ging weer naar beneden, en liep met zwaren tred
-naar huis terug.</p>
-<p>&ldquo;Esther!&rdquo; riep hij met eene trillende stem onder aan de
-trap.</p>
-<p>En: &ldquo;Ik kom, beste man&mdash;&eacute;&eacute;n
-minuutje!&rdquo; klonk het ten antwoord. <span class="pagenum">[<a id="pb190" href="#pb190" name="pb190">190</a>]</span></p>
-<p>Een minuutje scheen ditmaal tien minuten te kunnen duren, en toen
-kwam zij, de mooie jonge moeder, met haar lachend dik zoontje in hare
-armen. Hare oogen keken zoo teeder en zacht, er lag zooveel liefde in
-haar blik, dat hij zich ongeduldig afwendde; hij wist zeer goed hoe het
-zijn zou; zij zou hem bedelen en smeeken, zijn dochtertje te vergeven,
-als zij alles gehoord had, en wanneer zij er dan weer stralend en
-liefelijk uitzag, als op dit oogenblik, zou hij haar niets kunnen
-weigeren.</p>
-<p>Een paar minuten stond hij in gepeins verzonken.</p>
-<p>&ldquo;Wat wilde je, John?&rdquo; zeide zij. &ldquo;En waar sta je
-aan te denken? Ik heb juist een nieuw kiesje gevonden, kom eens
-kijken!&rdquo;</p>
-<p>Hij kwam, half onwillig, en voelde met zijn pink in het mondje van
-zijn jongste zoontje.</p>
-<p>Esther hield zijne hand vast, tot hij een zeer klein hard voorwerp
-voelde. &ldquo;Het derde,&rdquo; zeide zij trots, &ldquo;vindt je het
-niet aardig?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Hum!&rdquo; zeide hij. Toen bleef hij nog een oogenblik
-peinzen, en wreef zich na eene minuut <span class="pagenum">[<a id="pb191" href="#pb191" name="pb191">191</a>]</span>of twee in de handen,
-alsof hij zeer over zich zelf tevreden was.</p>
-<p>&ldquo;Zet je hoed op, Esther, en kleed den Generaal ook aan,&rdquo;
-zeide hij, terwijl hij vriendelijk een tikje gaf op het hoofd van dezen
-jongen heer. &ldquo;Laten we eene wandeling gaan maken naar de rivier;
-de kinderen wilden ook aan den waterkant een picnic houden, en dus
-kunnen wij er op rekenen, onderweg thee te krijgen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Dat is een heerlijk idee!&rdquo; zeide zij, &ldquo;vindt je
-ook niet, Bababsie, vindt je ook niet, mijn kind?&rdquo;</p>
-<p>Zij riep Martha, die bezig was het salon te vegen, op de grondige
-manier, die haar bijzonder eigen was, toe: &ldquo;Wil je even den hoed
-van den Generaal halen, Martha, den witten zonnehoed met de keelbanden;
-hij ligt op mijn bed, denk ik, of op een stoel, of ergens
-anders&mdash;o! en breng dan meteen mijn grooten hoed met de papavers
-mede!&rdquo;</p>
-<p>Martha ging, en kwam na eenig zoeken met de gevraagde
-kleedingstukken terug.</p>
-<p>En Esther zette den witten zonnehoed op haar eigen krullend,
-springend haar en deed den Generaal <span class="pagenum">[<a id="pb192" href="#pb192" name="pb192">192</a>]</span>kraaien van het
-lachen op zijne zitplaats, op de tafel der vestibule. En toen drukte
-zij hem op het hoofd van den kapitein, en zette diens tuinhoed op het
-kopje van haar zoon en verscheidene minuten gingen zoo al vroolijk
-stoeiend voorbij.</p>
-<p>Eindelijk waren zij gereed, en verlieten de vestibule.</p>
-<p>&ldquo;Jongeheer Bunby zit in zijne kamer opgesloten; je moogt er
-hem op geene voorwaarde uitlaten, Martha!&rdquo; zeide de kapitein
-onder het heengaan.</p>
-<p>&ldquo;O, Jack!&rdquo; riep Esther verwijtend uit.</p>
-<p>&ldquo;Laat het zijn zooals ik gezegd heb,&rdquo; sprak hij;
-&ldquo;gun mij een weinig vrijheid met mijne eigen kinderen, Esther!
-Hij is een leugenachtige deugniet; ik schaam mij, dat ik hem mijn zoon
-moet noemen.&rdquo;</p>
-<p>En Esther, aan de wankelmoedigheid van haar stiefzoon denkende, vond
-geen bezwaar zich met de hoop te troosten, dat de straf heilzaam voor
-hem zou zijn.</p>
-<p>Zij liepen over een pad door het woud, dat <span class="pagenum">[<a id="pb193" href="#pb193" name="pb193">193</a>]</span>den
-weg zeer verkortte, en toen lag daar de blauwe, vriendelijke rivier
-voor hen, waarin de zon flikkerende vlammetjes strooide.</p>
-<p>&ldquo;Daar zitten zij,&rdquo; riep Esther, &ldquo;op de oude
-plaats! Zie je het vuur, mijn ventje? zie je den rook, mijn lieveling?
-Zij zijn met hun vieren&mdash;neen, met hun vijven! Wie is er dan
-bij?&rdquo;&mdash;zeide zij verwonderd, toen zij dichter bij de groep
-op het gras kwamen.</p>
-<p>Voor zij genoegzaam genaderd waren om de gezichten te herkennen,
-scheen de kring plotseling verbroken te worden.</p>
-<p>Een van de leden keerde zich opeens af en vluchtte weg over het
-gras, stortte zich in het dichte kreupelhout en verdween uit het
-gezicht in minder tijd dan noodig is, om dit te vertellen.</p>
-<p>&ldquo;Wie was er bij jelui?&rdquo; vraagde Esther, toen zij de
-kinderen bereikten.</p>
-<p>Een oogenblik bleef alles stil, toen wierp Pip een paar takjes op
-het vuur en antwoordde droog:</p>
-<p>&ldquo;Eene vriendin van Meg, een meisje met een <span class="pagenum">[<a id="pb194" href="#pb194" name="pb194">194</a>]</span>hazenhart, die een doodelijken angst heeft voor
-vader. Ik geloof, dat zij denkt, dat militairen met scherp geslepen
-wapenen rondwandelen, en niets liever doen, dan er op
-inhouwen!&rdquo;</p>
-<p>Hij lachte even, Nell gichelde zenuwachtig, en Baby begon te
-schreien.</p>
-<p>Meg, bleek als eene doode, nam haar op en begon, om haar te bedaren,
-haastig de geschiedenis van de drie beren te vertellen.</p>
-<p>Esther keek min of meer verbaasd, maar dacht er natuurlijk niet aan,
-eenig verband te zoeken tusschen de vluchtende gestalte en Judy.</p>
-<p>En de kapitein scheen niets te zien of te merken. Hij lag op het
-gras en liet den Generaal over zich heen klimmen; hij schertste met
-Esther; hij vertelde verscheiden verhalen uit zijne jeugd, en scheen
-zich geen oogenblik bewust te zijn, dat zijn gehoor onoplettend en
-afgetrokken was.</p>
-<p>&ldquo;Hebben jelui geen thee gezet?&rdquo; zeide Esther eindelijk.
-&ldquo;Wij rekenden er op, hier thee te kunnen drinken.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Bunby is niet verschenen, en die zou de <span class="pagenum">[<a id="pb195" href="#pb195" name="pb195">195</a>]</span>thee
-meebrengen!&rdquo; zeide Pip gemelijk. De buitengewone beminnelijkheid
-van zijn vader kwam hem verdacht voor, en hij wilde zich niet voor den
-gek laten houden.</p>
-<p>&ldquo;Ach,&rdquo; zeide de kapitein ernstig, &ldquo;dat treft
-slecht. Toen wij van huis gingen, scheen Bunby niet al te wel te zijn,
-en er over te denken, de rest van den dag in zijne slaapkamer door te
-brengen.&rdquo;</p>
-<p>Pip stookte met kracht het vuur op, en Meg wierp een verschrikten
-blik naar haar vader, die haar vriendelijk glimlachend aankeek.</p>
-<p>Na een uur lang dezen gedwongen toestand gerekt te hebben, stelde de
-kapitein voor, naar huis terug te keeren.</p>
-<p>&ldquo;Het begint koel te worden,&rdquo; zeide hij, &ldquo;het zou
-me spijten voor het nieuwe kiesje van onzen Generaal, als het zijn
-leven moest beginnen met pijn te doen&mdash;laten we naar huis gaan, en
-daar zien, dat we thee krijgen.&rdquo;</p>
-<p>Dus namen zij de onaangeroerde manden in de hand, en de stoet zette
-zich in beweging.</p>
-<p>De kapitein wenschte, dat Pip en Meg met <span class="pagenum">[<a id="pb196" href="#pb196" name="pb196">196</a>]</span>hem
-zouden loopen, en hij zond Baby en Nell voor zich uit, ieder aan een
-kant van Esther, die den Generaal afwisselend bij de hand had en
-droeg.</p>
-<p>Dit richt hij zoo in, dacht de sluwe Pip, om te verhoeden, dat wij
-nieuwe plannen smeden. En toen zij thuis waren gekomen, noodigde hij
-hen allen uit in zijne rookkamer te komen, een cabinetje naast de
-eetkamer gelegen.</p>
-<p>Esther ging met den Generaal naar boven, maar de anderen volgden
-zwijgend hun vader.</p>
-<p>&ldquo;Ga zitten, Pip, mijn jongen,&rdquo; zeide hij opgewekt.
-&ldquo;Kom, Meg, maak het je gemakkelijk, neem plaats in dien
-leunstoel. Nell en Baby kunnen zich op de sofa zetten.&rdquo;</p>
-<p>Gedwongen gingen zij op de plaatsen zitten, die hij hun aanwees, en
-keken angstig naar zijn gelaat.</p>
-<p>Hij koos eene pijp van het rek boven den schoorsteenmantel, voorzag
-haar van een nieuw mondstuk, en vulde haar met zorg.</p>
-<p>&ldquo;Daar jelui je nu in het bezit hebt gesteld van mijne
-kamer,&rdquo; zeide hij op hoogst aangenamen <span class="pagenum">[<a id="pb197" href="#pb197" name="pb197">197</a>]</span>toon, &ldquo;zal ik beter doen, met hier niet te
-rooken. Straks kom ik terug en dan zullen wij wat praten. Ik zal eerst
-maar eens eene pijp gaan rooken op den zolder van het gebouwtje. Voert
-geen kattekwaad uit, terwijl ik weg ben!&rdquo;</p>
-<p>Hij stak een lucifer aan, hield dezen bij de tabak, en, zonder een
-blik op de zwijgende kinderen geworpen te hebben, verliet hij de kamer,
-en deed de deur achter zich op slot. Voor de tweede maal liep hij door
-de grasvelden, en voor de tweede maal stootte hij de krakende deur
-open. De sinaasappelschil lag op dezelfde plaats, waar hij haar eerst
-gezien had, alleen was zij wat drooger en verschrompelder. Het haarlint
-zat in juist denzelfden strik. De ladder kraakte op precies dezelfde
-plaats, en het scheelde weer niet veel, of hij was, toen hij de
-bovenste sport bereikte, er af gevallen. De dominosteenen lagen daar
-nog altijd, het been van de ham en het kussen namen dezelfde plaatsen
-in; het eenige verschil was, dat over het eerste nu een groot aantal
-zwarte mieren kropen, en dat de wind met <span class="pagenum">[<a id="pb198" href="#pb198" name="pb198">198</a>]</span>het kussen gespeeld
-had, en de veeren naar alle kanten had doen stuiven.</p>
-<p>Hij liep naar de andere zijde, niet zachtjes, maar met zijn gewonen,
-vasten, militairen stap. Er bewoog zich niets. Hij bereikte het beschot
-en keek er over heen.</p>
-<p>Judy lag op het <span class="corr" id="xd26e2949" title="Bron: gëimproviseerde">ge&iuml;mproviseerde</span> bed, in een
-diepen slaap verzonken, uitgeput na hare snelle vlucht van den oever
-der rivier. Zij had een rok van Meg aan, die haar buitengewoon lang en
-mager deed schijnen; met verbazing vraagde hij zich, of zij
-z&oacute;&oacute; gegroeid kon zijn?</p>
-<p>&ldquo;Er zal geen einde aan de moeite en zorgen komen, die zij mij
-zal veroorzaken, als zij groot geworden is!&rdquo; zeide hij, halfluid,
-met een gevoel van medelijden voor zich zelf omdat hij haar vader was.
-En toen werd hij vervuld met wrevel en toorn, terwijl hij haar daar
-bleef gade slaan, en zij zoo kalm voortsliep. Moest zij altijd de
-verstoordster zijner rust zijn? moest zij hem altijd dwarsboomen?</p>
-<p>&ldquo;Judy!&rdquo; zeide hij met luide stem.</p>
-<p>De gesloten oogleden sprongen open, de nevel <span class="pagenum">[<a id="pb199" href="#pb199" name="pb199">199</a>]</span>van
-slaap en vergetelheid trok weg van de donkere oogen, en <span class="corr" id="xd26e2961" title="Bron: zei">zij</span> rees overeind, met
-doodelijk ontsteld gelaat.</p>
-<p>&ldquo;Wat voer je hier uit, als ik vragen mag?&rdquo; zeide hij,
-koud en hoog.</p>
-<p>Een donkerroode blos kleurde hare wangen, haar voorhoofd, en
-verdween toen weer, zoodat zelfs hare lippen wit werden, maar zij gaf
-geen antwoord.</p>
-<p>&ldquo;Ik veronderstel, dat je van school bent weggeloopen,&rdquo;
-vervolgde hij, op denzelfden koelen toon. &ldquo;Heb je iets tot je
-verontschuldiging te zeggen?&rdquo;</p>
-<p>Judy sprak noch verroerde zich, zij staarde hem alleen aan met even
-geopenden mond.</p>
-<p>&ldquo;Heb je iets tot je verontschuldiging te zeggen, Helen?&rdquo;
-herhaalde hij.</p>
-<p>&ldquo;Neen, vader,&rdquo; zeide zij.</p>
-<p>Haar gelaat toonde een moeden, pijnlijken trek, die hem anders zeker
-zou getroffen hebben, maar hij was thans te vertoornd, om dit op te
-merken.</p>
-<p>&ldquo;Volstrekt geene verontschuldiging of geldige reden?&rdquo;
-<span class="pagenum">[<a id="pb200" href="#pb200" name="pb200">200</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Neen vader!&rdquo;</p>
-<p>Hij ging terug naar het luik. &ldquo;In anderhalf uur vertrekt een
-trein, je reist daarmede van hier,&rdquo; zeide hij, met bedaarde stem.
-&ldquo;Ik zal maatregelen nemen om je op school te doen bewaken, nu ik
-zie, dat je niet te vertrouwen bent. Je komt met Kerstmis niet thuis,
-en waarschijnlijk ook niet met de zomervacantie!&rdquo;</p>
-<p>Dit was even goed als een doodvonnis. De zolder draaide voor
-Judy&rsquo;s oogen in het rond, in hare ooren zong en gonsde het.</p>
-<p>&ldquo;Kom!&rdquo; zeide de kapitein. Judy snakte naar adem, zij
-hijgde en begon te hoesten.</p>
-<p>Zij hoestte vreeselijk, haar tenger lichaam beefde. Dit duurde zoo
-twee of drie minuten, hoewel zij den zakdoek voor den mond hield om te
-beproeven, het hoesten tegen te gaan.</p>
-<p>Zij was zeer bleek, toen zij tot bedaren kwam, en voor het eerst
-merkte hij op, hoe hol hare wangen waren.</p>
-<p>&ldquo;Het is beter, dat je eerst mede naar huis komt,&rdquo; zeide
-hij minder hard, &ldquo;dan kunnen wij zien of Esther niet iets voor
-den hoest heeft.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb201" href="#pb201" name="pb201">201</a>]</span></p>
-<p>En toen snakte hij op zijne beurt naar adem, en werd zijn gebronsd
-gelaat vaalbleek.</p>
-<p>Want roode, vreeselijke vlekken bezoedelden het wit van den doek,
-dien het kind van haar mond had genomen.</p>
-<div class="figure o201width"><img src="images/o201.png" alt="Ornament." width="155" height="29"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb202" href="#pb202" name="pb202">202</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch14" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e363">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p202width"><img src="images/p202.jpg" alt="&ldquo;Bunby kwam de kamer binnen, achterwaarts loopende en voortslepende een vreemd voorwerp, dat uit vijf of zes aaneengespijkerde planken bestond.&rdquo;"
-width="503" height="336">
-<p class="figureHead">&ldquo;Bunby kwam de kamer binnen, achterwaarts
-loopende en voortslepende een vreemd voorwerp, dat uit vijf of zes
-aaneengespijkerde planken bestond.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XIV.</h2>
-<h2 class="main">DE UITNOODIGING VAN DEN SQUATTER.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>En dus werd er geen dogcart voor Judy ingespannen, zij werd niet
-naar den trein gebracht, zij behoefde niet beschaamd onder haar
-schoolkameraadjes terug te keeren, zij had niet het vooruitzicht van
-lange maanden, die zonder vacantie voorbij zouden gaan.</p>
-<p>Maar, in de plaats daarvan, een warm, zacht bed, en versterkend
-voedsel, en vriendelijke woorden, en onafgebroken zorg. Want de
-avontuurlijke <span class="pagenum">[<a id="pb203" href="#pb203" name="pb203">203</a>]</span>tocht, de gebrekkige voeding, en de twee nachten
-in de open lucht hadden het meisje inderdaad in een gevaarlijken
-toestand gebracht. De eene long was ernstig aangedaan, had de dokter
-gezegd; het was hem een raadsel, zeide hij tot hare huisgenooten, hoe
-zij het nog zoo lang uitgehouden had; een gewoon meisje zou reeds lang
-allen moed verloren, en zich te bed gelegd hebben. Maar hij zeide dit,
-omdat hij den onbuigzamen geest en de vaste energie niet kende, die
-Judy&rsquo;s voornaamste karaktertrekken waren.</p>
-<p>&ldquo;Hadt je in het geheel geen pijn?&rdquo; vraagde hij, verbaasd
-door het feit, zulk eene stemming en zulk een ernstigen toestand
-tegelijkertijd aan te treffen.</p>
-<p>&ldquo;Jawel, soms in mijne zijde!&rdquo;&mdash;antwoordde zij
-achteloos.&mdash;&ldquo;Hoe lang zal het nog duren voor ik op kan
-staan, dokter?&rdquo;</p>
-<p>Deze vraag stelde zij hem iederen morgen, hoewel, om de waarheid te
-zeggen, zij met waren angst dacht aan het oogenblik, waarop zij
-hersteld verklaard zou worden.</p>
-<p>Zij gevoelde eene loomheid en moeheid in hare <span class="pagenum">[<a id="pb204" href="#pb204" name="pb204">204</a>]</span>beenen, die haar deed twijfelen, of zij ooit
-weer ver zou kunnen loopen, en een meer bescheiden teeken van
-beterschap versmaadde zij. Buitendien bespeurde zij eene knagende pijn
-onder de armen, en als zij hoestte, stond zij de hevigste benauwdheid
-uit.</p>
-<p>Toch was zij niet ziek genoeg om niet belang te stellen in alles,
-wat er om haar heen gebeurde, en verlangde, dat de anderen haar zouden
-vertellen, wat buitenshuis voorviel&mdash;wie het gelukkigst was
-geweest bij het cricketspel, welke bloemen ontloken waren in het
-weelderige hoekje van den tuin, dat haar toebehoorde, hoe vele eieren
-de kippen per dag legden, hoe het met het aantal der Guineesche
-biggetjes en der kanaries gesteld was, en welke schoenen of kleeren de
-nieuwe jonge hond vernield had.</p>
-<p>En Bunby bracht dikwijls zijne witte muizen en zijn blind marmotje
-in hare kamer en liet de diertjes los over haar deken loopen, en Pip
-zat meestal te timmeren aan een klein tafeltje dicht bij haar bed,
-zoodat zij ieder nieuw werk kon zien en de vorderingen kon gadeslaan.
-<span class="pagenum">[<a id="pb205" href="#pb205" name="pb205">205</a>]</span></p>
-<p>Meg, die haar omgang met Aldith bijna geheel verbroken had, wijdde
-zich met hart en ziel aan de verpleging van hare zuster; zij gaf haar
-allerlei kleine geschenken&mdash;een schoenentasch, met verschillende
-afdeelingen, een zakje voor kam en borstel, met het monogram J. W. in
-rose zijde daarop geborduurd, een klein werkmandje met naaldenboekje,
-speldenkussen en verder toebehooren. Judy vreesde, dat zij na haar
-herstel nu ook verplicht zou zijn netjes te worden.</p>
-<p>Het genoegen, dat haar de geschenkjes blijkbaar veroorzaakten, deed
-een geest van mededinging onder de anderen ontwaken.</p>
-<p>Eens was Pip een geheelen dag onzichtbaar; eerst in den avond
-vertoonde hij zich weer, en liep trots naar het bed. Hij had eene
-kleine chiffoni&egrave;re gemaakt, waarvan drie laden werkelijk, hoewel
-met groote omzichtigheid, geopend konden worden.</p>
-<p>&ldquo;Dit is niet voor poppenkleeren,&rdquo;&mdash;zeide hij, nadat
-zij alle gebruikelijke betuigingen van dankbaarheid uitgeput
-had,&mdash;&ldquo;want ik weet, dat je daar niet van houdt, maar je
-kunt er je kleine prullen <span class="pagenum">[<a id="pb206" href="#pb206" name="pb206">206</a>]</span>in bewaren&mdash;haarlintjes,
-naaigereedschap, er is plaats genoeg.&rdquo;</p>
-<p>Zij hoorden een geluid, alsof op de gang iets voortgesleept werd, en
-Bunby kwam de kamer binnen, achterwaarts loopende, en voortslepende een
-vreemd voorwerp, dat uit vijf of zes aaneengespijkerde planken
-bestond.</p>
-<p>&ldquo;Dit is een stoel,&rdquo; verklaarde hij, en veegde de
-bewijzen van zijne inspanning van zijn voorhoofd. &ldquo;Ik zal er
-natuurlijk de een of andere stof over spijkeren, zoodat je er niet door
-kunt vallen; maar ik dacht, dat ik hem je nu wel eerst eens kon laten
-zien.&rdquo;</p>
-<p>Er kwam een glimlach om Judy&rsquo;s lippen, maar zij dankte hem
-hartelijk.</p>
-<p>&ldquo;Ik wilde niet iets maken, waaraan je toch niets hadt, zooals
-Pip gedaan heeft!&rdquo; vervolgde het kleine ventje, en hij keek
-verachtelijk naar de chiffoni&egrave;re. &ldquo;Dit is iets wat je
-gebruiken kunt; als je weer opstaat, dan kan je er bij den haard op
-zitten, Judy, en lezen of naaien of iets anders doen. Je vindt dit ook
-mooier dan Pip&rsquo;s cadeautje, is het niet zoo?&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb207" href="#pb207" name="pb207">207</a>]</span></p>
-<p>Judy wist behendig beide partijen te vriend te houden, door hen te
-vragen, de geschenken naast alle andere bij het hoofdeinde van haar bed
-te plaatsen.</p>
-<p>&ldquo;Wat zal je veel mee te nemen hebben, als je weer naar school
-gaat, Judy!&rdquo; zeide Nell, terwijl zij de verzameling met een paar
-gehaakte mofjes en een wollen poppenlijfje verrijkte.</p>
-<p>Maar Judy keek haar slechts verwijtend aan, en lag het overige
-gedeelte van den avond met haar hoofd naar den muur gekeerd.</p>
-<p>Dit was het, wat haar al de veertien dagen van hare ziekte met angst
-vervuld had&mdash;de gedachte aan de school in de toekomst.</p>
-<p>&ldquo;Wat zal er met mij gebeuren, als ik weer beter ben,
-Esther?&rdquo;&mdash;vraagde zij den volgenden morgen op gedrukten
-toon, toen hare stiefmoeder haar kwam bezoeken. &ldquo;Spaart hij heel
-veel slaag voor mij op? En moet ik de eerste week weer
-terug?&rdquo;</p>
-<p>Esther stelde haar gerust.</p>
-<p>&ldquo;Deze drie maanden blijf je hier, en zeer waarschijnlijk de
-volgende drie maanden ook, Judy! Hij heeft gezegd, dat je met een paar
-der anderen <span class="pagenum">[<a id="pb208" href="#pb208" name="pb208">208</a>]</span>naar buiten zult gaan, tot je weer geheel sterk
-geworden bent; en onder ons gezegd, geloof ik, dat je wel nooit weer de
-kostschool zult terug zien.&rdquo;</p>
-<p>Toen deze vrees dus verdwenen was, ging Judy&rsquo;s gezondheid
-steeds sneller vooruit, zoodat haar krachtig gestel zelfs den dokter
-verbaasde.</p>
-<p>Na drie weken liep zij weer door het huis, mager en met groote
-oogen, maar vol grappen en vol ondeugende plannen. De visites van den
-dokter werden gestaakt; hij zeide, dat tot nu toe alles naar wensch was
-gegaan, maar dat zij in eene andere omgeving moest komen en eenigen
-tijd geen zeelucht mocht inademen.</p>
-<p>&ldquo;Laat haar een paar maanden vrij in de buitenlucht loopen,
-Woolcot!&rdquo; zeide hij bij zijn laatste bezoek; &ldquo;er is tijd
-toe noodig, om al het gebeurde te boven te komen, en haar hare kracht
-en gezondheid te doen herkrijgen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Zeker, zeker; ik zal haar naar buiten sturen!&rdquo;
-antwoordde de kapitein.</p>
-<p>Hij kon den schrik niet vergeten, die hem vijf of zes weken geleden
-op den ouden zolder bevangen <span class="pagenum">[<a id="pb209" href="#pb209" name="pb209">209</a>]</span>had, en zou er in toegestemd
-hebben haar naar de Sahara te brengen, indien dit noodig geoordeeld was
-geworden.</p>
-<p>De dokter had hem mede gedeeld, dat hare longen zeer gevaarlijk
-aangedaan waren.</p>
-<p>&ldquo;Het is niet gezegd, dat zij aan tering moet sterven,&rdquo;
-had hij gesproken, &ldquo;maar er is altijd gevaar voor deze
-vreeselijke kwaal in dergelijke gevallen. En de kleine Judy is zulk een
-wild rusteloos schepseltje; alles wat zij doet, doet zij met hart en
-ziel, en zij schijnt vreugde en leed duizendmaal dieper te gevoelen,
-dan andere kalmere naturen. Zorg goed voor haar, Woolcot; zij zal eens
-eene uitstekende vrouw worden&mdash;ja, eene buitengewone
-vrouw.&rdquo;</p>
-<p>De kapitein rookte vier groote sigaren in de eenzaamheid van zijne
-studeerkamer, alvorens hij kon beslissen, hoe hij het best &ldquo;goed
-voor haar kon zorgen&rdquo;.</p>
-<p>Eerst bedacht hij, haar met Meg en de gouvernante voor eenigen tijd
-naar de bergen te zenden, maar dan rees de moeielijkheid, dat de andere
-drie in dien tijd geen onderwijs zouden <span class="pagenum">[<a id="pb210" href="#pb210" name="pb210">210</a>]</span>genieten. Hij zou hen
-naar school kunnen zenden of eene andere gouvernante nemen; zeker, maar
-dan waren er weer de onkosten, die in overweging moesten genomen
-worden.</p>
-<p>De meisjes alleen te laten gaan, daar kon geen sprake van zijn, want
-Meg had, niettegenstaande hare zestien jaren, getoond, niet veel meer
-dan een gansje te zijn; en op Judy moest toegezien worden. Toen dacht
-hij er aan, dat Esther er ook niet zeer goed uitzag; Judy&rsquo;s
-verpleging en de zorgen voor den Generaal bleken te veel voor haar te
-zijn geweest, en zij was lang niet meer de stralende, bloeiende Esther
-van vroeger. Hij wist, dat hij haar naar buiten moest laten gaan, en
-het kind eveneens, natuurlijk.</p>
-<p>En dan dacht hij weer aan de onkosten. En aan de andere
-kinderen.</p>
-<p>Hij herinnerde zich, dat de Kerstvacantie niet meer ver af was; wat
-zou er van het huis worden, indien Pip en Bunby en de twee jongste
-meisjes konden doen en laten wat zij wilden, en niemand het opzicht
-hield? Hij zuchtte diep, en klopte de asch van zijn vierden sigaar op
-het tapijt. <span class="pagenum">[<a id="pb211" href="#pb211" name="pb211">211</a>]</span></p>
-<p>Toen kwam de brievenbesteller over het pad en voorbij het venster.
-Hij keek glimlachend en raakte zijn pet aan met een vergenoegden blik.
-Het was alsof hij wist, dat hij in een der brieven de oplossing bracht
-van het raadsel, dat op het voorhoofd van den kapitein ontelbare
-rimpels te voorschijn riep.</p>
-<p>Een vijfde sigaar werd juist uit het kistje genomen, eene groeve
-vertoonde zich boven de linker wenkbrauw, een steek van iets dat zeer
-veel geleek op jicht gaf aanleiding tot een paar woorden &ldquo;in eene
-vreemde taal,&rdquo; toen Esther binnenkwam met een glimlach om de
-lippen en een open brief in hare handen.</p>
-<p>&ldquo;Van moeder!&rdquo; zeide zij. &ldquo;Het schijnt, dat
-Yarrahappini haar te stil begint te worden, en dus vraagt zij mij, of
-ik met den Generaal eenige weken, bij haar kan komen?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ha!&rdquo; zeide hij.</p>
-<p>Dit zou zeker een der moeielijkheden doen verdwijnen. Wel was het
-landgoed zeer ver weg, maar, het was Esthers vroegere tehuis, en zij
-had het niet weergezien sedert haar huwelijk. Daar zou zij zeer snel
-weer sterk worden. <span class="pagenum">[<a id="pb212" href="#pb212"
-name="pb212">212</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;O, en Judy ook!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ha!&rdquo; zeide hij.</p>
-<p>Twee rimpels verdwenen van zijn voorhoofd.</p>
-<p>&ldquo;En Meg, omdat ik schreef, dat zij er bleek uitzag.&rdquo; De
-kapitein legde zijn sigaar weer in het kistje. Hij vergat dat er iets
-bestond, wat jicht heette.</p>
-<p>&ldquo;De uitnoodiging kon nooit beter te pas zijn gekomen!&rdquo;
-zeide hij. &ldquo;Neem haar onvoorwaardelijk aan; niets kon beter
-geweest zijn; en het is een buitengewoon gezond klimaat. De andere
-kinderen kunnen&mdash;&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;O, vader vooral wenscht, dat Pip ook zal komen, omdat hij
-zulk een flinke jongen is.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Op mijn woord, Esther, je ouders hebben harten vol ware
-menschenliefde. Is er nog iemand anders in de uitnoodiging
-begrepen?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Alleen maar Nell en Bunby en Baby. O, en moeder zegt, dat
-wanneer je ooit lust mocht hebben, eenige dagen te komen jagen, je haar
-altijd hartelijk welkom zult zijn.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;De gastvrijheid der squatters is wereldberoemd, maar dit
-overtreft alles, Esther!&rdquo; De kapitein <span class="pagenum">[<a id="pb213" href="#pb213" name="pb213">213</a>]</span>stond op, en rekte zich uit met het vergenoegde
-gelaat van een man, die zich verlost voelt van eene nachtmerrie.
-&ldquo;Neem de uitnoodiging onvoorwaardelijk aan&mdash;voor allen. De
-gevolgen mogen zij zelf ondervinden; maar ik ben bang, dat men op
-Yarrahappini treurige ervaringen zal gemaakt hebben, eer de maand
-voorbij is!&rdquo;</p>
-<p>Hoe treurig deze ervaringen zouden zijn, kon hij toen in de verste
-verte niet vermoeden.</p>
-<div class="figure o213width"><img src="images/o213.png" alt="Ornament." width="80" height="26"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb214" href="#pb214" name="pb214">214</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch15" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e372">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p214width"><img src="images/p214.jpg" alt="&ldquo;Vader!&rdquo;" width="489" height="345">
-<p class="figureHead">&ldquo;Vader!&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XV.</h2>
-<h2 class="main">DRIEHONDERD MIJLEN IN DEN TREIN.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Zij vulden eene geheele coup&eacute;&mdash;wel was er nog eene
-plaats open, maar men scheen niet begeerig die in te nemen, nadat men
-een haastigen blik naar binnen geworpen had.</p>
-<p>Daar zaten zij met hun achten, en alleen Esther was degene, die
-toezicht hield&mdash;Esther in eene rose blouse, en met een
-matrozenhoedje, met een gelaat zoo stralend en ondeugend als dat van
-Pip. De kapitein had hen naar het station gebracht, <span class="pagenum">[<a id="pb215" href="#pb215" name="pb215">215</a>]</span>en
-Pat zorgde voor de bagage. Hij had de kaartjes genomen&mdash;twee
-gewone voor Esther en Meg, en vier voor half geld voor de vier anderen.
-Baby werd zelfs niet met een kaartje voor half geld voorzien, zeer tot
-hare eigen verontwaardiging&mdash;het was eene beleediging voor hare
-vier en een half jaar, om voor niets te kunnen reizen evenals de
-Generaal.</p>
-<p>Maar de kosten van deze stukjes bordpapier hadden den kapitein zeer
-ongelukkig doen kijken: hij kreeg niet meer dan achttien stuivers terug
-van de tien pond, die hij gegeven had; want Yarrahappini lag op de
-grenzen van het onbekende land.</p>
-<p>Hij gaf de achttien stuivers uit aan ge&iuml;llustreerde
-tijdschriften, en uit de keuze van deze bleek wel, dat hij geen hoogen
-dunk had van den letterkundigen smaak zijner familie; hij voorzag
-bovendien Esther van een boekdeel in geel linnen gebonden, waarop eene
-dame in het groen was afgebeeld, die in de armen van een heer, welke in
-purper was uitgedost, flauw viel, en Meg met Mark Twain&rsquo;s
-&ldquo;Springende Kikvorsch,&rdquo; omdat hij in <span class="pagenum">[<a id="pb216" href="#pb216" name="pb216">216</a>]</span>den
-laatsten tijd eene zekeren zwaarmoedigen blik in hare oogen had
-opgemerkt.</p>
-<p>Toen werd de bel geluid, een gefluit deed zich hooren, conducteurs
-liepen in groote haast her- en derwaarts, en men nam afscheid, vroolijk
-of treurig, al naar de omstandigheden.</p>
-<p>Eene vrouw stond droevig te schreien op het perron, en een meisje
-met vriendelijke oogen, vol tranen, leunde uit het venster van een
-tweede-klasse coup&eacute; en sprak haar toe; daar was een squatter met
-gebruind gelaat, die een pet van stof ophad, en eveneens stoffen
-schoenen, en voor wie de driehonderd mijlen lange reis eene weinig
-belangrijker gebeurtenis was, dan een maaltijd; en daar was de jonge
-man, die voor zijne zaken op reis moest, en wien eene reis naar
-Engeland weinig korter voorkwam, nu hij voor een geheel jaar van zijne
-vrouw en zijn kind afscheid nam; en waggons, waarin dames zaten, die
-weer naar de wildernis terugkeerden na hun jaarlijksch of
-halfjaarlijksch bezoek aan de Sydneysche beschaafde wereld; en daar
-waren de acht reizigers, die ons in het bijzonder interesseeren, en
-<span class="pagenum">[<a id="pb217" href="#pb217" name="pb217">217</a>]</span>die zich voor het portier en de vensters
-verdrongen, om den kapitein nog eens toe te knikken, en vaarwel te
-zeggen.</p>
-<p>Hij zag er volstrekt niet neerslachtig uit, toen de trein met veel
-rumoer wegstoomde&mdash;met zwierigen stap wandelde hij het perron af,
-alsof het vooruitzicht twee maanden als jonggezel te moeten
-doorbrengen, ook wel zijne lichtzijde had.</p>
-<p>Te half zeven in den namiddag vertrokken zij, en zij zouden in
-Curlewis, het station, dat het dichtst bij Yarrahappini gelegen was,
-ongeveer te vijf uur in den volgenden morgen aankomen. Nu het
-gezelschap zoo talrijk was, kon er geene sprake van zijn, billetten
-voor den slaapwaggon te nemen, maar in het koffernet lagen verscheidene
-reisdekens, en twee of drie windkussens, bestemd voor hen, die zich
-vermoeid mochten gaan gevoelen. Het denkbeeld, zoovele uren in den
-trein door te brengen, was al de kinderen heerlijk voorgekomen; geen
-enkele van hen behalve Judy had ooit verder dan veertig of vijftig mijl
-ver gereisd, en het scheen hun buitengewoon verrukkelijk toe, steeds
-voort te stoomen, als het donker, <span class="pagenum">[<a id="pb218"
-href="#pb218" name="pb218">218</a>]</span>zou geworden zijn even goed
-als bij daglicht.</p>
-<p>Maar lang voor het tien uur in den avond was verloren hunne droomen
-allen glans en alle bekoorlijkheid. Nell en Baby hadden eene
-woordenwisseling gehad over het opblazen der windkussens, en waren te
-moede en te kribbig, om weer vrede te sluiten; Pip had Bunby wegens de
-eene of andere duistere reden een tik gegeven, en kreeg twee schoppen
-terug; Judy had hoofdpijn, en het geraas was juist niet geschikt, om
-die te doen verdwijnen; Meg was moe geworden van het staren naar het
-duistere landschap, door hetwelk zij heengleden, en dacht er aan, of
-Alan zou merken, dat zij nu niet meer op de stoomboot verscheen; en de
-arme kleine Generaal vervulde de warme lucht met luide klaagtonen over
-de raadselachtige behandeling, die hij onderging, en die hij zich moest
-laten welgevallen.</p>
-<p>Esther had hem zijne <span class="corr" id="xd26e3184" title="Bron: bovenkleerjes">bovenkleertjes</span> uitgetrokken, en een
-schilderijtje van hem gemaakt, door hem een roomkleurig flanellen
-nachtjaponnetje en een rose wollen jasje aan te trekken. En een half
-uur lang had hij er zich blijmoedig in geschikt, <span class="pagenum">[<a id="pb219" href="#pb219" name="pb219">219</a>]</span>dat
-hij van de eene hand in de andere werd gegeven, geliefkoosd en gekust.
-Hij had zelfs toegelaten, dat Nell in zijne rose teentjes een voor een
-beet, en een geruimen tijd onzin praatte over kleine biggetjes, die
-naar de markt gingen, en meer dergelijke dwaze dingen uitvoerde.</p>
-<p>Hij had bijna niet tegengesparteld, toen er eene twist was gerezen
-over het bezit van zijne persoon, en Bunby zich aan zijn hoofd en zijn
-lichaampje had vastgeklampt, terwijl Nell heftig aan zijne beenen
-trok.</p>
-<p>Maar na een poosje, toen Esther op een der banken een bedje voor hem
-in orde gemaakt, en hem daarop had neergelegd, drongen de
-onaangenaamheden die hem wachtten, tot zijn bewustzijn door.</p>
-<p>Hij had thuis een wiegje, dat op een kleinen vergulden standaard
-rustte, die hem altijd een lust voor de oogen was&mdash;hij kon niet
-begrijpen, waarom hij dat moest ontberen, en genoegen nemen met een
-driedubbel gevouwen reisdeken. Hij was buitendien gewend aan een
-gedempt licht, eene stille kamer, en een waarschuwend fluisteren van
-<span class="pagenum">[<a id="pb220" href="#pb220" name="pb220">220</a>]</span>sst! sst! wanneer de een of ander zoo ver ging,
-geritsel te maken.</p>
-<p>Hier flikkerde het groote, gele licht den geheelen tijd door, en elk
-der luidruchtige familieleden, in wier handen hij zooveel moest dulden,
-was niet verder dan een paar voet van hem verwijderd.</p>
-<p>Dus verhief hij zijne stem en schreide. En toen hij tot de
-ontdekking kwam, dat hij door schreien zijn wiegje niet kon
-terugkrijgen, evenmin als de kleine, dansende kwasten van het
-muskietengaas, begon hij twee tonen hooger, en toen zelfs op dat
-oogenblik Esther hem alleen, om hem te bedaren, op den schouder bleef
-kloppen, barstte hij in een oorverdoovend geschreeuw uit.</p>
-<p>Nellie liet al hare lange krullen over zijn gezichtje dansen, om
-zijne aandacht te trekken, maar hij pakte ze arglistig en trok er aan,
-tot haar de tranen in de oogen kwamen. Esther en Meg zongen
-wiegeliedjes tot haar keel haar begon pijn te doen. Judy probeerde in
-de kleine ruimte met hem op en neer te loopen, maar hij hield zich
-stijf in hare armen, en zij was niet krachtig genoeg <span class="pagenum">[<a id="pb221" href="#pb221" name="pb221">221</a>]</span>om
-hem vast te houden. Ten laatste viel hij van uitputting in slaap, diep
-snikkend ademend en nu en dan een hikkend, droevig geluid makend.</p>
-<p>Toen werd Bunby slapende op den grond ontdekt, met zijn hoofd onder
-eene bank, en dus moest hij opgetild worden, en in eene gemakkelijker
-houding neergezet; en Baby, die in een hoekje rechtop neerzat,
-knikkebolde als een klein rose en wit meizoentje, dat door de
-zonnewarmte bedwelmd is.</p>
-<p>Een voor een verstreken de lange uren, steeds verder en verder stoof
-de trein met zijne roode oogen door het stille, slapende land,
-zwaaiende om reuzenbochten, langzamer zich tegen de steilten opwerkend,
-met pijlsnelle vaart door de eindeloos zich uitstrekkende vlakte
-snellend.</p>
-<p>De duisternis week voor een vaal licht, en mijlen lang verhieven
-zich nu, eentonig, jonge gomboomen tusschen den trein en den hemel. De
-zon verrees, en de aarde werd liefelijk en rozig, als een kind, dat uit
-zijne sluimering ontwaakt. En toen kwamen de vale tinten weer terug, de
-teedere, trillende lichteffecten verdoofden, en de <span class="pagenum">[<a id="pb222" href="#pb222" name="pb222">222</a>]</span>regen begon te vallen. Stroomen regen, die tegen
-de ratelende vensters sloegen, voortgezwiept door een snijdenden
-morgenwind, die van de bergen kwam gevlogen. En zij waren een afgemat,
-slaperig kijkend, neerslachtig achttal, toen zij te vijf uur op het
-perron te Curlewis uit den waggon stapten. Judy hoestte van de vochtige
-morgenlucht en werd snel naar de wachtkamer gebracht en in een
-reisdeken gepakt.</p>
-<p>En toen werden hunne koffers en valiezen uitgeladen en de trein
-stoomde weer weg, en daar stonden zij nu treurig en verlaten te kijken,
-want het scheen wel, dat er niemand was, die hen kwam halen.</p>
-<p>Daar weerklonk het geluid van wielen, die door plassen rolden, het
-knallen van eene zweep, den hoefslag van paarden en zij stormden allen
-weer naar voren en keken over de witte paaltjes, die het perron
-afsloten, naar den weg.</p>
-<p>Zij zagen een groot, overdekt rijtuig, gemend door eene wijde, gele
-olie-jas, die zeker het omhulsel was van een koetsier, en nog een hoog,
-ander rijtuig, waarvan een zeer groote man afklom. <span class="pagenum">[<a id="pb223" href="#pb223" name="pb223">223</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Vader!&rdquo;</p>
-<p>Esther stormde naar buiten in den regen. Zij sloeg hare armen om den
-druipenden regenjas en eerst na een paar minuten hief zij zich weer op.
-Misschien was dit de oorzaak, dat hare oogen en wangen zoo vochtig
-waren.</p>
-<p>&ldquo;Mijn klein meisje&mdash;Esther&mdash;kind!&rdquo; zeide hij,
-en tilde haar bijna van den grond op, toen hij haar kuste, hetgeen een
-zonderlingen indruk op Meg maakte, in wier oogen hare stiefmoeder eene
-deftige persoonlijkheid was.</p>
-<p>Toen leidde hij hen allen snel naar de rijtuigen, vijf stapten in
-het eene en drie in het andere. Zij hadden nog vijf en twintig mijlen
-te rijden.</p>
-<p>&ldquo;Wanneer hebben jelui het laatst iets gegeten?&rdquo; vraagde
-hij; het speet hem de neerslachtige gezichtjes van de kinderen te
-moeten zien. &ldquo;Moeder heeft cakes en sandwiches voor jelui
-meegegeven, maar koffie of iets anders warms kunnen we eerst krijgen,
-als we thuis zijn.&rdquo;</p>
-<p>Esther vertelde hem, dat zij te Newcastle, om negen uur, het laatst
-koffie gehad hadden, maar dat deze zoo brandend heet was geweest, dat
-zij <span class="pagenum">[<a id="pb224" href="#pb224" name="pb224">224</a>]</span>haar grootendeels niet hadden kunnen uitdrinken,
-en weer vlug hadden moeten instappen. De zweep werd over de paarden
-gelegd en zij vlogen over de modderwegen in een draf, dien Pip,
-niettegenstaande zijne vermoeidheid, met genoeg bewonderen kon. Maar
-het was toch een zeer onbehagelijke rit, en de Generaal schreide bijna
-onafgebroken van het oogenblik van vertrek tot zij aankwamen, zeer tot
-Esthers misnoegen, want zoo kon zijn grootvader, bij deze eerste
-kennismaking, niet den besten indruk van hem krijgen.</p>
-<p>Ten slotte, toen iedereen begon te gevoelen, dat zijn geduld
-uitgeput raakte, verbrak een hoog wit hek de eentonigheid van druipend
-natte heggen.</p>
-<p>&ldquo;We zijn thuis!&rdquo; riep Esther vroolijk. Zij liet den
-Generaal op hare knie dansen.</p>
-<p>&ldquo;Daar, van dat hek, viel mamaatje, toen zij drie jaar oud
-was,&rdquo; zeide zij, en keek er vol genegenheid naar, toen Pip het
-open wierp.</p>
-<p>Nog eens ging het door den plassenden regen; de wielen rolden nu
-zacht voort, want de weg was bedekt met natte, gevallen bladeren.</p>
-<p>&ldquo;Waar is het huis?&rdquo; zeide Bunby, terwijl hij
-<span class="pagenum">[<a id="pb225" href="#pb225" name="pb225">225</a>]</span>tusschen Pips arm die op den bok zat, door keek;
-hij zag nog steeds niets dan eene eindelooze laan van gomboomen.
-&ldquo;Ik dacht dat je zeidet, dat wij er waren, Esther!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;O, het woonhuis is niet zoo dicht bij het hek als op
-Misrule,&rdquo; zeide zij. En dit was inderdaad zoo.</p>
-<p>Vijftien minuten gingen voorbij alvorens zij de schoorsteenen konden
-ontdekken, toen moest er een tweede hek geopend worden.</p>
-<p>Er vertoonde zich aan hun oog een goed onderhouden grintweg,
-bloembedden met palmhegjes er om, een rijkdom van rozestruiken, die
-vooral Meg verheugde, en twee geschoren, nu zeer natte
-tennisgrasvelden.</p>
-<p>En toen het huis.</p>
-<p>De veranda trok al hun aandacht, want deze was zoo bijzonder groot,
-zoo groot als eene gewone kamer, en er stonden sofa&rsquo;s en stoelen,
-en tafeltjes hier en daar, hangmatten hingen in de hoeken, en eene
-dichte, groene kruipende plant met verregende vlinderbloemen slingerde
-zich tegen een buitenmuur. <span class="pagenum">[<a id="pb226" href="#pb226" name="pb226">226</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;He!&rdquo; zeide Pip. &ldquo;He! wat ben ik stijf! Neen maar,
-wat begin je daar nu?&rdquo;</p>
-<p>Want Esther had haar zoontje op zijn knie gezet, gleed uit het
-rijtuig en liep de trap, die naar de veranda leidde, op. Daar stond een
-klein oud dametje, met eene heel groot huishoudschort voor. Esther
-sloot haar in hare armen, en zij kusten elkander en hielden elkander
-omstrengeld, tot zij beiden begonnen te schreien.</p>
-<p>&ldquo;Mijn lief klein meisje!&rdquo; snikte de oude dame, terwijl
-zij met bevende hand Esther&rsquo;s natte haren en nog natter wangen
-betastte.</p>
-<p>En Bunby, die ook dadelijk uitgestapt was keek van de slanke
-gestalte zijner stiefmoeder naar het kleine figuurtje van hare moeder
-en lachte.</p>
-<p>Esther snelde terug naar het rijtuig, nam den Generaal van Pip aan,
-en, weer de treden opspringende, legde zij hem in haar moeders
-armen.</p>
-<p>&ldquo;Is hij niet een dikkertje!&rdquo; zeide Bunby, deelende in
-haar trots. &ldquo;U moet eens naar zijn beentjes zien!&rdquo;</p>
-<p>De oude dame zat &eacute;&eacute;n oogenblik neer in den
-<span class="pagenum">[<a id="pb227" href="#pb227" name="pb227">227</a>]</span>natsten stoel, dien zij vinden kon, en drukte
-hem tegen zich aan.</p>
-<p>Maar hij balde zijne verkleumde vuistjes, vocht zich vrij, en
-schreeuwde om Esther.</p>
-<p>Mr. Hassal had de rijtuigen nu ledig gepakt, en kwam de trap op.</p>
-<p>&ldquo;Zou je hun niet eens iets te eten geven, moedertje?&rdquo;
-zeide hij, en de oude dame liet in haar schrik haar kleinzoon bijna
-vallen.</p>
-<p>&ldquo;Ach! ach!&rdquo; zeide zij, &ldquo;waar zijn mijne gedachten?
-Wel, wel! Dat ik daarvoor niet eerder gezorgd heb!&rdquo;</p>
-<p>Tien minuten later hadden zij allen drooge kleederen aan, en zaten
-in de warme eetkamer met grooten eetlust te ontbijten.</p>
-<p>&ldquo;Wat had ik een honger!&rdquo; zeide Bunby. Hij had den mond
-vol geroosterd brood, en was bezig zijn vierde ei te openen, terwijl
-hij een schotel in het oog hield, waarvan het eene gedeelte met honig,
-het andere met geslagen room gevuld was.</p>
-<p>&ldquo;Die lieve oude borden!&rdquo; Esther nam het hare op, toen
-zij het leeggegeten had en keek vol liefde naar de blauwe rozen, die er
-op geschilderd waren. <span class="pagenum">[<a id="pb228" href="#pb228" name="pb228">228</a>]</span>&ldquo;En als ik bedenk, dat den
-laatsten keer, dat ik er van een at, ik&#8202;&hellip;&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Een bruidje was,&rdquo; zeide de oude dame, &ldquo;en den
-sluier hadt je toen weggeslagen, en iedereen keek naar je, want je
-sneedt de taart. Twee zijn er sedert dien tijd maar gebroken&mdash;en,
-het is waar ook, Hannah, het dienstmeisje, dat gekomen is na Emily,
-heeft den hengsel van het suikermandje gebroken en een stuk uit de
-spoelkom geslagen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Waar zat vader toen?&rdquo; vraagde Meg. In hare gedachten
-bevolkte zij de kamer met bruiloftsgasten, de ham en de coteletten, het
-geroosterde brood en de eieren en de schalen met vruchten, waren
-veranderd in eene groote, hooge, witte taart met zilveren bladeren.</p>
-<p>&ldquo;Juist waar Pip nu zit,&rdquo; zeide mevrouw Hassal, &ldquo;en
-hij hielp Esther met de taart, omdat zij haar met zijn sabel sneed. Wat
-heb je toen een groot gat in het tafelservet gemaakt, Esther, het was
-mijn beste damasten met de convolvulus-bladeren, maar ik heb het
-natuurlijk gestopt!&rdquo;</p>
-<p>Baby had haar kop omgeworpen, en de koffie <span class="pagenum">[<a id="pb229" href="#pb229" name="pb229">229</a>]</span>liep
-nu over haar heen en over haar bord en over Bunby, die naast haar
-zat.</p>
-<p>Zij barstte in tranen uit van vermoeidheid, en omdat zij zenuwachtig
-was door al het nieuwe, dat haar omringde. Zij gleed van haar stoel en
-onder de tafel. Meg tilde haar op.</p>
-<p>&ldquo;Mag ik haar naar bed brengen?&rdquo; zeide zij. &ldquo;Zij
-schijnt doodelijk vermoeid.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Mag ik ook naar bed?&rdquo; sprak Nellie, terwijl zij haar
-ontbijt verder liet staan en haar stoel naar achteren schoof. &ldquo;Ik
-heb zulk een slaap!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;En ik dan!&rdquo; Bunby at in vliegende haast alles wat op
-zijn bord lag en stond op. &ldquo;En die akelige koffie loopt in mijne
-laarzen!&rdquo;</p>
-<p>En dus, juist toen de zon begon te glimlachen en de tranen van den
-hemel weg te jagen, gingen zij allen naar bed om de schade van den
-onrustigen nacht in te halen, en het was zes uur en weer theetijd voor
-een van hen de oogen opende. <span class="pagenum">[<a id="pb230" href="#pb230" name="pb230">230</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch16" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e383">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p230width"><img src="images/p230.jpg" alt="&ldquo;Hij had met zijn tomahawk een of twee struikroovers gedood.&rdquo;"
-width="489" height="366">
-<p class="figureHead">&ldquo;Hij had met zijn tomahawk een of twee
-struikroovers gedood.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XVI.</h2>
-<h2 class="main">YARRAHAPPINI.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Yarrahappini in den zonneschijn, dien <span class="corr" id="xd26e3326" title="Bron: zonzeschijn">zonneschijn</span>, die den
-zilveren draad van den thermometer tot 100&deg; doet stijgen!</p>
-<p>In de verte teekende zich aan drie zijden met eene zachte blauwe
-lijn eene heuvelreeks met bosschen af. En in den omtrek van het
-woonhuis waren de boomen krachtig en heerlijk groen, en de bloemen
-prijkten met een rijkdom van kleuren.</p>
-<p>Maar de vlakte, die zich daartusschen uitstrekte, <span class="pagenum">[<a id="pb231" href="#pb231" name="pb231">231</a>]</span>was
-bruin. Haar bedekte verzengd gras, hier en daar afgewisseld door een
-plek vaalgroene halmen<span class="corr" id="xd26e3335" title="Bron: .">,</span> terwijl kleine boschjes de ruggen der heuvels, die
-eenige afwisseling brachten in de rechte lijn der velden, bedekte, en
-weer in de hellingen verdwenen, waar gras en doorngewas welig groeiden.
-Het hoofdstation bestond uit een klein dorp op den top van een heuvel.
-Jaren geleden, toen Esther niet grooter was dan haar kleine Generaal
-nu, had er alleen eene ruw getimmerde woning gestaan op den heuveltop,
-met een paar hutten van boomschors als bijgebouwen.</p>
-<p>En Mr. Hassal was van den morgen tot den avond in het zadel geweest,
-en had harder gewerkt dan twee van zijne drijvers samen, en mevrouw
-Hassal had hare liefhebberijen laten rusten, hare handwerken, hare
-guitaar, haar schilderdoos, en had geschrobd en gekookt en gewasschen
-als menige vrouw van een landbezitter v&oacute;&oacute;r haar gedaan
-had, tot de angstig verbeide wolmarkt hun betere dagen bracht.</p>
-<p>Toen verrees eene groote, steenen woning juist tegenover het kleine,
-oude buitenhuis met <span class="pagenum">[<a id="pb232" href="#pb232"
-name="pb232">232</a>]</span>zijn door flesschen afgeperkt tuintje, waar
-nooit iets aristocratischers te zien was geweest dan de snuitjes van
-biggetjes en scharlakenroode geraniums. Het was een zeer mooi
-buitenhuis, met eene menigte luchtige kamers, vele vensters en een
-diepe veranda. Het kleine roode gebouwtje was keuken, buitendien
-bevatte het kamertjes voor de twee dienstmeisjes, en aan het groote
-woonhuis was het met eene overdekte gang verbonden.</p>
-<p>Een honderd ellen ver weg stond eene woning, die twee vertrekken
-bevatte, en bewoond werd door den zoon van een Engelschen baronet, die
-tegen zeventig pond in het jaar en vrijen kost, de boeken van
-Yarrahappini hield en het opzicht voerde over de magazijnen.</p>
-<p>Nog wat verder stonden twee hutten van boomschors, zij waren tegen
-elkaar aan gebouwd. Tettawonga, een oude, kromme inboorling, woonde in
-de eene, en voerde weinig meer uit, dan rooken, en iederen morgen
-vertellen, wat hij van het weer dacht. Twintig jaar geleden had hij
-meegeholpen om een stevig fundament te maken <span class="pagenum">[<a id="pb233" href="#pb233" name="pb233">233</a>]</span>voor
-het roode woonhuis, dat geheel gereed gebouwd daarheen was gebracht op
-een grooten, door ossen getrokken wagen.</p>
-<p>Voor vijftien jaar had hij met zijn tomahawk een van twee
-struikroovers, die zich in Yarrahappini poogden te nestelen, in de
-afwezigheid van den eigenaar gedood, en had hij de kleine bevende
-mevrouw Hassal en Esther naar eene veilige plaats gebracht, was
-teruggegaan, en had den anderen een slag op het hoofd gegeven, die hem
-bedwelmde, tot hulp kwam opdagen.</p>
-<p>Zoo had hij zich natuurlijk een recht verworven op de hut en het
-dagelijksch rantsoen en de pijp, die nooit van zijne lippen kwam.</p>
-<p>Twee werklieden van de bezitting woonden in de andere hut, wanneer
-zij niet uit waren naar veraf gelegen weiden.</p>
-<p>Vlak bij het huis was een groot, waterdicht gebouw, met eene zware,
-van een hangslot voorziene deur.</p>
-<p>&ldquo;O, laten we daar eens ingaan,&rdquo; zeide Nell, aangetrokken
-door de grootte van het hangslot; &ldquo;het ziet er uit als een huis,
-waarin schatten geborgen <span class="pagenum">[<a id="pb234" href="#pb234" name="pb234">234</a>]</span>worden, uit een boek. Mogen we er
-niet in, grootmamaatje?&rdquo;</p>
-<p>Zij waren bezig alle gebouwen te verkennen&mdash;de zes kinderen in
-een troepje, mevrouw Hassal, die zij allen &ldquo;grootmamaatje&rdquo;
-<span class="corr" id="xd26e3365" title="Bron: noemde">noemden</span>,
-zeer tot haar genoegen, en Esther met den jongen.</p>
-<p>&ldquo;Je moet het gaan vragen aan Mr. Gillet,&rdquo; zeide de oude
-dame, &ldquo;hij bewaart de sleutels van het voorraadshuis. Kijk, hij
-woont aan den overkant in dat huisje naast het waterreservoir, en
-spreekt beleefd, kinderen, alsjeblieft!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Zulk een beschaafd man,&rdquo; zeide zij zachtjes tot Esther,
-&ldquo;zoo knap, zoo welgemanierd, als hij alleen maar niet zoo
-dronk.&rdquo;</p>
-<p>Meg en Judy gingen, met Baby achter haar aan rennende, zoo vlug als
-hare korte beentjes het haar veroorloofden.</p>
-<p>&ldquo;Binnen!&rdquo; zeide eene stem, toen zij klopten.</p>
-<p>Meg aarzelde zenuwachtig, en een man opende de deur. Een groote,
-magere man, met rustelooze, zwaarmoedige oogen, een bruin, breed
-voorhoofd, en zorgvuldig geknipten baard.</p>
-<p>Judy deelde mede, dat mevrouw Hassal hen <span class="pagenum">[<a id="pb235" href="#pb235" name="pb235">235</a>]</span>gezonden had om de sleutels, als hij er niet
-tegen had.</p>
-<p>Hij verzocht haar binnen te komen en te gaan zitten, terwijl hij
-naar het gevraagde zocht.</p>
-<p>Meg was verwonderd over de kamer, gelijk hare blauwe oogen duidelijk
-te kennen gaven, want zij had alleen maar van hem hooren spreken als
-van den magazijnmeester. Er was een boekenrekje, waarop zij Shakespeare
-en Browning en Shelley en Rosetti en Tennyson, William <span class="corr" id="xd26e3387" title="Bron: Moris">Morris</span> en vele anderen
-zag, waarvan zij vroeger nooit gehoord had. Er hingen aardig in een
-lijst gezette photographieën en gravures van Engelsche en
-Europeesche tafereelen aan de muren. Er was een klein geëmailleerd
-zilveren vaasje op een hoekje, en eenige bloemen met lange ranken
-bloeiden daarin. De tafel met de overblijfselen van het ontbijt er op,
-was even keurig op kleine schaal als die, welke zij zooeven had
-verlaten, in het groote woonhuis.</p>
-<p>Hij kwam uit de binnenkamer terug met de sleutels. &ldquo;Ik was
-bang, dat ik ze op eene verkeerde plaats gelegd had,&rdquo; zeide hij.
-&ldquo;De middelste past op het hangslot, Miss Woolcot; de <span class="pagenum">[<a id="pb236" href="#pb236" name="pb236">236</a>]</span>dikke koperen is voor de twee kisten, en de
-lange stalen voor de kast.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Dank u vriendelijk; ik vrees, dat wij u bij het ontbijt
-gestoord hebben!&rdquo; zeide Meg, terwijl zij opstond en eene kleur
-kreeg, omdat zij dacht, dat hij hare verbazing over het boekenrekje had
-opgemerkt.</p>
-<p>Hij deed, alsof hij hare verlegenheid niet merkte en hield de deur
-voor haar open, met eene buiging, waar wel iets hoffelijks in was.
-Althans, dit vond Meg, terwijl zij vol verbazing er over peinsde, hoe
-het kon, dat men gezouten vleesch bij den centenaar en kisten vol meel
-bezat. Hij keek haar na, toen zij over het gras liepen&mdash;ten minste
-hij keek naar Meg in haar luchtig mousselinen japonnetje met licht
-blauw ceintuur, Meg met haar strooien zonnehoed en haar glanzende
-vlecht van kroezend haar, die tot op haar middel hing.</p>
-<p>Judy&rsquo;s lange zwarte beenen en verkreukt batist kleedje hadden
-niets schilderachtigs.</p>
-<p>Mevrouw Hassal maakte het hangslot van het voorraadshuis open. Welk
-een koor van <span class="pagenum">[<a id="pb237" href="#pb237" name="pb237">237</a>]</span>&ldquo;o&rsquo;s!&rdquo; en
-&ldquo;h&egrave;&rsquo;s!&rdquo; rees er op uit de kinderen.</p>
-<p>Baby had nog nooit in haar leven zooveel suiker bij elkaar gezien;
-naar haar gezichtje te oordeelen, was zij wel gaarne een paar uur
-alleen in deze groote kamer geweest.</p>
-<p>En dan de krenten! Er was een groote houten kist boordevol&mdash;het
-zouden wel ongeveer vijftig pond zijn, dacht mevrouw Hassal, toen zij
-er haar naar vraagden.</p>
-<p>Bunby nam stil een handvol weg en stopte die in zijn zak, terwijl
-iedereen bezig was naar den berg van kaarsen te kijken.</p>
-<p>&ldquo;Zelf gemaakt, liefje, natuurlijk!&rdquo; zeide de oude dame.
-&ldquo;Wel, ik zou er niet toe kunnen overgaan eene gekochte kaars te
-gebruiken, evenmin als gekochte zeep!&rdquo;</p>
-<p>Zij liet hen de groote staven van zuiver ruikende, gele zeep zien,
-en fijnere, lichter gekleurde voor de waschtafel.</p>
-<p>Hammen en zijden spek hingen in groot aantal aan de balken.
-&ldquo;Dit zijn schapenhammen,&rdquo; zeide zij, wijzende naar een
-gedeelte. &ldquo;Die heb ik voor de drijvers.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb238" href="#pb238" name="pb238">238</a>]</span></p>
-<p>Pip wenschte te weten, of het de bedoeling was, dat het magazijn hun
-moest dienen voor hun geheele leven, er was genoeg; hij was verbaasd te
-hooren, dat het iedere zes maanden opnieuw voorzien werd.</p>
-<p>&ldquo;Twintig tot dertig man, dat zijn dus de grenswachters en
-drijvers op verschillende gedeelten der bezitting, en tweemaal dit
-aantal in scheer- of drijfjachttijd, om niet te noemen de daglooners,
-die iederen dag hier werken&mdash;het is, alsof men een leger voedt,
-kinderen!&rdquo; zeide zij. &ldquo;En dan moest ik toch ook zorgen,
-voor jelui allen genoeg voorraad te hebben&mdash;vooral voor
-Bunby.&rdquo;</p>
-<p>Zij knipoogde schalks met hare kleine, grijze oogen, toen zij naar
-dien kleinen jongen keek.</p>
-<p>&ldquo;U kan ze terugkrijgen,&rdquo; zeide Bunby, half pruilend. Hij
-haalde een half dozijn krenten uit zijn zak te voorschijn. &ldquo;Ik
-had niet gedacht, dat het u iets kon schelen, bij zulk eene menigte;
-wij hebben maar eene flesch vol thuis.&rdquo;</p>
-<p>Waarop de oude dame hem op zijn hoofd tikte, een blik openmaakte, en
-zijne handen met vijgen en dadels vulde. <span class="pagenum">[<a id="pb239" href="#pb239" name="pb239">239</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;En moet u iederen dag voor al die mannen koken?&rdquo; zeide
-Meg, benieuwd welke keukenkachel daar groot genoeg voor zijn kon.</p>
-<p>&ldquo;Neen, schatje!&rdquo; antwoordde de oude dame. &ldquo;Wel
-neen! Iedere man zorgt voor zich zelf in zijne eigen hut; zij krijgen
-zelfs niet eens brood, alleen porties meel, om voor zich zelf hun
-twaalfuurtje te bereiden. Ook geven wij hun eene bepaalde hoeveelheid
-vleesch, thee, suiker, tabak, kaarsen, zeep en nog het een en
-ander.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Waar bewaart u de wol en zulke dingen?&rdquo; zeide Pip,
-wiens geest zich verheven gevoelde boven de zelfgemaakte kaarsen;
-&ldquo;ik kan geen enkele loods of iets dergelijks
-ontdekken.&rdquo;</p>
-<p>Mevrouw Hassal deelde hem mede, dat die op een mijl afstand stonden,
-bij het riviertje, waar de schapen op een bepaalden tijd van het jaar
-gewasschen en geschoren werden. Maar de hitte was te groot, dan dat
-zelfs Pip verlangde, om juist nu er heen te gaan; dus namen zij Mr.
-Hassal in beslag, verlieten grootmama met Esther, den Generaal en Baby,
-en gingen naar de uit baksteen gebouwde stallen in de nabijheid.
-<span class="pagenum">[<a id="pb240" href="#pb240" name="pb240">240</a>]</span></p>
-<p>Daar waren drie of vier voertuigen met kappen, maar in het geheel
-geen paarden, deze waren verderop in de weiden. Zij liepen over het
-grasveld den heuvel op. Een half dozijn paarden gaven gehoor aan een
-eigenaardig gefluit van Mr. Hassal; de andere waren wilde, ongetemde
-dieren, die de manen schudden en op het zien van menschen naar de verst
-afgelegen gedeelten, waar de boomen groeiden, vluchtten.</p>
-<p>Pip koos er een uit, een grijs, met lange harddraverspooten, en een
-smallen mooien kop; hij was wat trotsch, dat hij verstand van paarden
-had! Judy koos een zwart, met roodachtige, beweeglijke oogen, maar Mr.
-Hassal stond het haar niet toe, daar het een wisselvallig temperament
-had, en dus moest zij zich tevreden stellen met een bruin diertje, met
-zachten, satijnachtigen neus.</p>
-<p>Meg vraagde om een &ldquo;heel erg mak&rdquo; op fluisterenden toon,
-zoodat Judy en Pip haar niet konden hooren, en kreeg een oud beestje,
-dat mevrouw Hassal achttien jaar geleden gedragen had. Ieder dier was
-bestemd om geheel ter beschikking te staan van het jonge volkje,
-gedurende hun verblijf <span class="pagenum">[<a id="pb241" href="#pb241" name="pb241">241</a>]</span>te Yarrahappini. Maar de ritjes
-moesten plaats hebben voor het ontbijt of na de thee (werd hun gezegd),
-als zij er eenig genoegen van verwachtten; het was anders te warm om
-paard te rijden. Nellie was teleurgesteld in de schapen, uitermate
-teleurgesteld. Zij had verwacht, groote, sneeuwwitte dieren te vinden,
-die tam zouden zijn, en haar zouden toelaten, linten om hunne nekken te
-strikken, en hen rond te leiden.</p>
-<p>Van den heuveltop zag zij den volgenden morgen het eene omheinde
-grasveld na het andere, elk met eene bruine, langzaam bewegende massa;
-zij rende naar beneden, door den zonneschijn, met Bunby, om ze van
-dichterbij te bekijken.</p>
-<p>&ldquo;O, hoe jammer!&rdquo; riep zij uit, en ware tranen van
-teleurstelling sprongen haar in de oogen, toen zij de groote, luie
-dieren met hunne lange, vuile, gehavende vachten zag.</p>
-<p>&ldquo;Wacht maar een tijdje, vrouwtje!&rdquo; zeide Mr. Hassal.
-&ldquo;Wacht maar, tot dat wij ze baden!&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb242" href="#pb242" name="pb242">242</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch17" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e392">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p242width"><img src="images/p242.jpg" alt="&ldquo;Een ontzaglijk groot zwart dier holde met een gebrul, dat den grond scheen te doen trillen, woest springend naar het hek.&rdquo;"
-width="496" height="352">
-<p class="figureHead">&ldquo;Een ontzaglijk groot zwart dier holde met
-een gebrul, dat den grond scheen te doen trillen, woest springend naar
-het hek.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XVII.</h2>
-<h2 class="main">DE RUNDEREN VAN <span class="corr" id="xd26e3459"
-title="Bron: YARRIHAPPINI">YARRAHAPPINI</span>.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<div class="lgouter">
-<p class="line">&ldquo;De wilde stugge kudde te drijven in de omheining
-&hellip;</p>
-<p class="line">Met een loopend vuur van zweepen en vurig hoefgetrap
-&hellip;.&rdquo;</p>
-</div>
-<p class="first">Pip kan nauwelijks slapen op een nacht, een maand na
-hunne aankomst, daar hij dacht aan de vee-drijfjacht, die op het
-programma stond voor den volgenden dag. Hij was aan het zoeken geweest
-naar de eene of andere nieuwe bezigheid, want hij was een jongen, voor
-wien afwisseling het zout van het leven was. In het begin was
-<span class="pagenum">[<a id="pb243" href="#pb243" name="pb243">243</a>]</span>hij er zeker van geweest, nooit het
-konijnenschieten vervelend te gaan vinden. Mr. Hassal had hem het
-&ldquo;aardigste, bovenste beste geweertje&rdquo; gegeven, en
-Tettawonga was den eersten dag met hem uitgegaan, en had zijne
-opgetogenheid, dat hij er twee geschoten had, met groote minachting
-bejegend.</p>
-<p>&ldquo;In de boschjes, konijn genoeg. Jager kan gaan naar het
-noorden, naar het zuiden, jager kan gaan waarheen hij wil. Bah, ieder
-goed prikkeldraad doet, elk goed vergif doet. Bah!&rdquo;</p>
-<p>Maar Pip kon niet zoo spoedig ontmoedigd worden en dacht werkelijk,
-dat hij den Yarrahappinischen staat een groot voordeel gedaan had, door
-die twee zachte, vlugge, bruine diertjes te schieten. Hij nam ze mee
-naar huis, en liet ze vol trots aan de meisjes zien, maakte zijn
-volkomen schoon geweer schoon, en ging den volgenden dag met zijne
-uitvallen voort.</p>
-<p>Tettawonga nam zijne pijp van zijne lippen, toen hij hem weer zag,
-en lachte, een luiden, gichelenden lach, die Pip rood deed worden van
-drift. <span class="pagenum">[<a id="pb244" href="#pb244" name="pb244">244</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Morgen en morgen weer! Konijn nu gauw weg gaat. Jongen komt
-met groot geweer, konijn dadelijk bang is, gaat onder den grond. Ha,
-ha, hi, hi!&rdquo;</p>
-<p>Pip begreep zijn gebrekkig Engelsch genoeg om te weten, dat met hem
-den draak gestoken werd, en zeide hem boos: &ldquo;zijn zottepraat voor
-zich te houden.&rdquo;</p>
-<p>Daarop schouderde hij het geweer, waarop hij zoo overmatig trotsch
-was, en ging naar den anderen kant van de prikkeldraadomheining, waar
-het gelukkig jachtterrein was van het kleine knaagdier, dat Mr. Hassal
-belette rijk te worden.</p>
-<p>Hij schoot er dien dag vijf, den volgenden vier, den daarop
-volgenden zeven, maar na een tijdje begon het hem te vervelen, en ging
-hij op vogels jagen, met meer plezier, maar minder zekerheid van de
-vangst.</p>
-<p>Iederen dag was tot aan den rand gevuld met genietingen, en was het
-alleen maar niet zoo ontzaglijk warm geweest, dan zou die eerste maand
-te Yarrahappini er een geweest zijn, van volkomen tevredenheid en
-geluk. <span class="pagenum">[<a id="pb245" href="#pb245" name="pb245">245</a>]</span></p>
-<p>En nu was er de vee-drijfjacht!</p>
-<p>Het ontbijt werd op den morgen van de groote gebeurtenis zeer vroeg
-gebruikt; tegen half zes was het reeds afgeloopen, en Pip, in een
-koorts van rusteloosheid, vertelde aan Mr. Hassal, dat hij er zeker van
-was, dat zij te laat zouden zijn, en alles misloopen.</p>
-<p>Judy had ijverig gepleit, om toestemming te krijgen mede te gaan,
-maar iedereen zeide, dat hiervan geene sprake kon zijn&mdash;het werd
-zelfs in twijfel getrokken, of het verstandig was Pip toe te staan het
-gevaar onder de oogen te komen, dat onafscheidelijk is van het drijven
-van het wildste gedeelte der kudde, dat van veraf gelegen weiden was
-opgejaagd.</p>
-<p>Maar hij had zoo naar den dag verlangd, en zich zoo doelmatig
-gekleed, dat Mr. Hassal niet het hart had, hem thuis te laten.</p>
-<p>Hij kwam naar beneden om te ontbijten in een baaien hemd en een
-oude, saaien broek, om zijn middel vastgemaakt met een lederen gordel,
-in welken een ontbloot dolkmes, pas geslepen, los weg was gestoken.
-Geen overreding kon hem er <span class="pagenum">[<a id="pb246" href="#pb246" name="pb246">246</a>]</span>toe brengen eene jas te dragen,
-noch het mes in de scheede te bergen.</p>
-<p>Het grijze paard werd om het huis naar de trap der veranda gebracht,
-evenals Mr. Hassal&rsquo;s prachtig rijdier. Mr. Gillet zat op een goed
-onderhouden appelschimmel; hij had drie zweepen met houten handvat,
-twee van wel zestien voet lang, de derde was korter, en deze bood hij
-Pip aan.</p>
-<p>Het gelaat van den jongen gloeide. &ldquo;Hoera, Fizz!&rdquo; riep
-hij uit, en hij stond in de stijgbeugels op en zwaaide de zweep om zijn
-hoofd. &ldquo;Wat zou je er voor geven, om van plaats te
-ruilen?&rdquo;</p>
-<p>Hij drukte de sporen in de zijden van het paard en stortte zich
-holderdebolder in een wilden galop den heuvel af.</p>
-<p>Het was anderhalve mijl naar de omheinde grasvelden voor de kudden,
-en daar heerschte de grootste opgewondenheid.</p>
-<p>Pip kon niet begrijpen <span class="corr" id="xd26e3518" title="Bron: vanwaar">van waar</span> al die mannen gekomen waren. Er waren
-wel twintig of dertig drijvers; scheerders, die niets te doen hadden;
-twee inboorlingen, buiten Tettawonga, die rookte <span class="pagenum">[<a id="pb247" href="#pb247" name="pb247">247</a>]</span>en
-slaperig en vergenoegd toekeek, en verscheidene andere werklieden der
-bezitting.</p>
-<p>Op het eerste omheinde grasveld waren vijfhonderd stuks vee, die
-daar den nacht te voren in gedreven waren, en die nu den aanblik van
-een zee van wildzweepende staarten en hoorns aanboden.&mdash;Wat een
-hoorns!&mdash;groote, gekromde, angstverwekkende hoorns, waarmede zij
-elkander openreten en woedend bevochten, daar zij zagen, dat zij niet
-bij den gemeenschappelijken vijand konden komen.</p>
-<p>In het eerste oogenblik voelde Pip zich een weinig afkeerig de
-veilige plaats op den rug van zijn paard te verlaten. Het gedreun van
-de hoeven en hoorns, de wilde aanvallen, gedaan door de wanhopige
-dieren op de omheining, deden hem verwachten, deze iedere minuut
-krakend te zien bezwijken.</p>
-<p>Maar al de anderen waren gaan zitten op de bovenste dwarslat van de
-omheining, en keken neer op de verwoede dieren; daarom maakte hij ten
-slotte zijne teugels aan een boom vast en trad omzichtig vooruit, om
-dit voorbeeld te volgen. <span class="pagenum">[<a id="pb248" href="#pb248" name="pb248">248</a>]</span></p>
-<p>Op een plotseling signaal van Mr. Hassal lieten de mannen zich aan
-beide zijden aan den binnenkant der omheining zakken. Het doel was een
-tweehonderd stuks vee in de aangrenzende versterkte omheining, van
-welke het hek wijd open stond, te drijven. Pip was hoogst verwonderd
-over den moed der mannen; voor een oogenblik had zijn hart in zijn keel
-geklopt, toen de eene stier na den anderen zich een weg door hen
-trachtte te banen; maar de lucht weergalmde van zweepgeklap en van het
-geluid van stokslagen, en het eene beest na het andere trok naar het
-midden terug, den kop druipend van bloed.</p>
-<p>Toen holde een ontzaglijk groot zwart dier, met een gebrul, dat den
-grond scheen te doen trillen, woest springend naar het hek; de geheele
-kudde kwam achter hem aan. Bliksemsnel vormden de mannen achter hen
-eene rij, schreeuwend, gillend, klappend met de zweepen, om ze vooruit
-te drijven. Pip vloog op, en hitste ze aan, geheel buiten zich zelven
-van opwinding. Toen hield hij zijn adem weer in.</p>
-<p>Mr. Hassal en een van de inboorlingen slopen <span class="pagenum">[<a id="pb249" href="#pb249" name="pb249">249</a>]</span>behoedzaam vooruit, langs den doorgang, door
-welken de onstuimige stroom van hoorns en ruggen zich stortte. Een half
-dozijn krachtige slagen van de mannen, en de laatste aanvoerder deinsde
-&eacute;&eacute;n oogenblik achteruit, de troep achter zich
-terugdringend.</p>
-<p>In dit oogenblik hadden de twee mannen de sluitboomen dichtgeschoven
-en de kudde was in twee gedeelten verdeeld.</p>
-<p>Wederom twee rijen drijvers, zweepgeklap, gebrul, bloed, hoorns,
-huiden, en hoeven in de lucht, en een veertig- of vijftigtal was binnen
-de derde omheining geborgen,&mdash;eene lange, nauwe ruimte met eene
-opening aan het eind, leidende naar de eindafdeeling.</p>
-<p>Pip leerde van Mr. Gillet het doel van deze afscheiding: sommige der
-dieren waren bijna waardeloos, men had hen aan een opkooper toegewezen
-voor een paar pond het stuk, enkel de waarde van de hoorns, de huid en
-het vleesch. Andere waren voortreffelijke, vette beesten, gereed voor
-den slager en de markt van Sydney. En andere weer bleken buitengewoon
-schoone dieren van groote <span class="pagenum">[<a id="pb250" href="#pb250" name="pb250">250</a>]</span>waarde als fokvee, en moesten in
-een afzonderlijk perk gebracht worden.</p>
-<p>De man bij den laatsten doorgang verrichtte bet hoogst gewichtige
-werk van het uitkiezen. Hij was gewapend met een korten, dikken stok,
-en terwijl de andere mannen de dieren naar hem toe dreven, besliste hij
-bliksemsnel tot welke klasse zij behoorden. Een hevige slag op den
-neus, eene vlugge opeenvolging van harde slagen tusschen de oogen, en
-het meest woeste beest deinsde verblind terug waarheen de drijver het
-zond. Den geheelen dag werd het werk voortgezet, en juist toen de
-groote, warme, purperen schaduwen schuin over de vlakten begonnen te
-vallen, verzekerden zij den laatsten sluitboom, was het gevecht
-afgeloopen, en waren de dieren in de voor hen bestemde perken.</p>
-<p>Pip at genoeg gezouten vleesch en ander voedsel om hem half dood te
-maken, dronk meer thee dan waarover hij ooit beschikt had op
-&eacute;&eacute;n avond in al zijn veertien jaar, slingerde zich in
-zijn zadel, daarbij den oudsten drijver zoo goed mogelijk nadoende, en
-bedacht, dat als hij slechts eene <span class="pagenum">[<a id="pb251"
-href="#pb251" name="pb251">251</a>]</span>zwarte, leelijke pijp zooals
-Tettawonga en de andere mannen kon hebben, zijn geluk volmaakt en hij
-een man geworden zou zijn.</p>
-<p>Hij kwam thuis &ldquo;zoo moe als een hond&rdquo;, en vermaakte
-zijne zusters en Bunby met een levendig verhaal van de gebeurtenissen
-van den dag, terwijl hij breedvoerig uitweidde over zijne eigen kracht
-en de menigvuldige gevaren, waaraan hij ontsnapt was.</p>
-<p>Den volgenden dag reden Esther en Judy met de anderen naar de
-omheinde grasvelden om vee te zien wegdrijven.</p>
-<p>De besten van het gedeelte, die Mr. Hassal alleen verlangd had af te
-scheiden, niet te verkoopen, waren door het hek naar buiten gedreven,
-terug naar hunne vroegere velden en weiden.</p>
-<p>De &ldquo;landopeters&rdquo;, een honderd vijftig stuks, met een
-half dozijn drijvers, gezeten op de beste paarden der bezitting, die
-voor hen uitgezocht waren, werden bevrijd uit hunne opsluiting, in een
-toestand van waanzinnige woede, met veel geklap van zweepen en gegil,
-samengedreven tot eene kudde, en over de vlakte voortgejaagd in de
-richting van <span class="pagenum">[<a id="pb252" href="#pb252" name="pb252">252</a>]</span>den weg. En een uur of twee later werd de beste
-troep slachtvee weggeleid, en wederom heerschte er rust op
-Yarrahappini.</p>
-<p>Gedurende de twee dagen van opwinding hadden alle kinderen omtrent
-hunne toekomst een besluit genomen. Zij hadden allen beroepen gekozen
-van landelijken aard.</p>
-<p>Pip was van plan drijver te worden en vee te merken en kudden op te
-jagen, zijn geheele leven door. Judy besloot zijn aide-de-camp te zijn
-op voorwaarde, dat hij haar in het zadel liet blijven, en haar eene
-even lange zweep als hij had, verschafte. Meg dacht, dat het haar wel
-zou aanstaan, den rijksten squatter van Australië te trouwen, en
-den Gouverneur en den Premier te logeeren te krijgen voor jachtpartijen
-en dergelijke dingen, en bals te geven, waarheen alle menschen uit
-honderd mijlen in den omtrek zouden komen. Nell besloot, dat zij zeep
-en kaarsen, zoowel gekleurde als ongekleurde zou maken, als zij tot de
-jaren des onderscheids zou gekomen zijn, en Baby had grooten zin kampen
-vol lieve lammertjes te houden, die nooit schapen werden. <span class="pagenum">[<a id="pb253" href="#pb253" name="pb253">253</a>]</span></p>
-<p>Bunby geraakte over geen dezer plannen in vuur.</p>
-<p>&ldquo;Ik zou liever willen zijn, zooals Mr. Gillet!&rdquo; zeide
-hij, en zijne oogen keken droomerig.</p>
-<p>&ldquo;Daar zou ik voor danken. Geen boeken en cijfers! Geef mij een
-gedeelte van Salt Bush, en eenige duizenden schapen!&rdquo; zeide
-Pip.</p>
-<p>&ldquo;Hoor hij, hoor hij!&rdquo; riep Judy er tusschen.</p>
-<p>&ldquo;Ezels!&rdquo; zeide Bunby op een toon van groote minachting.
-&ldquo;Bewaart Mr. Gillet niet de sleutels van het magazijn?&mdash;denk
-dan toch eens aan de krenten en vijgen!&rdquo;</p>
-<div class="figure o253width"><img src="images/o048.png" alt="Ornament." width="103" height="37"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb254" href="#pb254" name="pb254">254</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch18" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e401">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p254width"><img src="images/p254.jpg" alt="&ldquo;Zij stond op om hare stijfgeworden beenen te ontspannen en poogde zelfs een pas-de-seul uit te voeren.&rdquo;"
-width="486" height="333">
-<p class="figureHead">&ldquo;Zij stond op om hare stijfgeworden beenen
-te ontspannen en poogde zelfs een <i>pas-de-seul</i> uit te
-voeren.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XVIII.</h2>
-<h2 class="main">DE PICNIC TE KRANGI-BAHTOO.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Esther was naar een bal gegaan, niet in eene lichte japon met groote
-pofmouwen, met lagen hals, verrukkelijk schoon onder haar ch&acirc;le
-en kanten, niet door den duisteren nacht naar eene zee van licht en
-liefelijke muziek.</p>
-<p>Zij was gegaan, in het heldere licht van den morgen, in eene linnen
-japon met lichtblauw overhemd, een matrozenhoedje, en eene
-reisvoile.</p>
-<p>Onder den bok, waarop Mr. Hassal zat, stond <span class="pagenum">[<a id="pb255" href="#pb255" name="pb255">255</a>]</span>eene
-doos, waarin zich eene mooie japon bevond van lichtgele zijde,
-opgemaakt met luchtig chiffon. En daar waren gele schoenen en kousen,
-een veeren waaier in eene hoedendoos op haar schoot, en een keurige
-onderrok met sleep, versierd met allerliefste strookjes, die Meg
-hartelijker dan ooit deed verlangen, groot te zijn. Maar geen van deze
-dingen zou nog in de eerste uren worden gebruikt.</p>
-<p>Het bal had plaats in eene woning, die de kleinigheid van vijf en
-vijftig mijlen ver van Yarrahappini gelegen was, en dus had zij
-natuurlijk tamelijk vroeg moeten vertrekken, om zich op haar gemak te
-kunnen &ldquo;mooi maken&rdquo; zooals Pip dit noemde.</p>
-<p>De kinderen zouden, als eene vergoeding daarvoor, dat zij aan dit
-genoegen geen deel konden nemen, onder elkander een buitengewonen
-picnic mogen houden.</p>
-<p>In de eerste plaats was de plek, die zij daarvoor uitgekozen hadden,
-veertien mijlen ver; in de tweede plaats zou de reis daarheen niet in
-alledaagsche rijtuigen of op gewone paarden gemaakt <span class="pagenum">[<a id="pb256" href="#pb256" name="pb256">256</a>]</span>worden, maar op een sleeperswagen, getrokken
-door een span van twaalf ossen.</p>
-<p>Een grenswachter had gemeld dat een prachtige gomboom, dien zij lang
-den Koning der Koree&rsquo;s genoemd hadden, door eene hevige windhoos
-omgewaaid was geworden, en Mr. Hassal beval dadelijk dat, hoe groot de
-moeite ook zijn zou, hij weggehaald moest worden om eene soort van dam
-dwars door het riviertje te Krangi-Bahtoo, de plaats, waar men den
-picnic wilde houden, te vormen. De gevallen woudreus lag twintig mijlen
-van het woonhuis, en zes mijlen van Krangi-Bahtoo; en de afspraak was,
-dat de wagen het gezelschap veertien mijlen ver zou rijden, dan den
-boom zou halen, en hem bij het riviertje brengen, waar hij voorloopig
-kon blijven liggen, en vervolgens de kinderen in de koelte van den
-avond weer als rijtuig zou dienen.</p>
-<p>Wanneer het niet zijn plan geweest was zijne dochter op het bal te
-vergezellen, zou Mr. Hassal zelf gegaan zijn om een oog op de
-werkzaamheden te houden. Nu vertrouwde hij echter den grooten kar aan
-vier mannen toe, en gelastte <span class="pagenum">[<a id="pb257" href="#pb257" name="pb257">257</a>]</span>hun, een paar helpers te gaan
-halen, wanneer zij aangekomen zouden zijn.</p>
-<p>Krangi-Bahtoo&mdash;of Eendenwater, zooals wij, minder welluidend,
-zouden zeggen&mdash;was de naam van den oorsprong van het riviertje,
-dat den grond uitholde en een poel vormde, tot het zich juist op dit
-punt een weg begon te banen, tusschen steile rotsen door en losse
-steenen, waar de kangoeroes dartelden en met de jagers verstoppertje
-speelden, terwijl het beschaduwd werd door blauwe gomboomen en roode
-gomboomen, die zich in den blauwen hemel daarboven schenen te
-verliezen.</p>
-<p>Tettawonga had verteld van een geest, die daar woonde, waar het
-borrelende water een vijver vormde, een diepen schoonen vijver, welks
-oevers door fijne varens sierlijk omlijst werd, en welks waterspiegel
-de zware, dichte boomen, die hem als met een gordel omgaven,
-weerkaatste.</p>
-<p>Het water had daar leven gebracht, de zwarte zwaan bouwde zijn nest
-tusschen het grasachtige riet, de wilde eend nam in zig-zag lijnen zijn
-vlucht. In de boomen huisden de orgelvogel, de glansspreeuw,
-<span class="pagenum">[<a id="pb258" href="#pb258" name="pb258">258</a>]</span>eenige soorten van paradijsvogels, en vervulden
-de lucht met geluiden, hoewel dan ook niet met liefelijk gezang. En de
-bruine, de zwarte, en eene menigte andere vergiftige slangen gleden
-kronkelend tusschen de gevallen bladeren en het gras, en hielden zich
-gereed, elken indringer te ontvangen. En zoo kwam het, dat er eene
-voorwaarde verbonden was aan den picnic, die den kinderen overigens zoo
-van harte gegund werd.</p>
-<p>Een ieder mocht medegaan, en mocht op den ossenwagen meerijden, maar
-de picnic moest op eenigen afstand van het ravijn gehouden worden en
-niemand had verlof zich daarheen te begeven, op straffe van
-oogenblikkelijk terug naar Sydney gezonden te worden.</p>
-<p>Zij beloofden allen, dit bevel te zullen opvolgen. Mevrouw Hassal,
-nietig als zij was, verstond de kunst, zich onvoorwaardelijk te doen
-gehoorzamen.</p>
-<p>Toen werd er een ongelooflijk aantal manden, volgepakt met allerlei
-heerlijke eetwaren, op den wagen gezet.</p>
-<p>Mr. Gillet zou medegaan, om de kinderen niet <span class="pagenum">[<a id="pb259" href="#pb259" name="pb259">259</a>]</span>geheel onder elkaar te doen zijn, en om op te
-passen dat niemand een zonnesteek kreeg.</p>
-<p>Hij had Heine in den eenen zak als voorbehoedmiddel tegen de
-verveling, die deze lange, ongewone dag misschien zou meebrengen; een
-zwaarlijvigen, uitpuilenden Tennyson in den anderen, en een pak
-Engelsche couranten onder zijn arm, toen hij op den wagen klom, waar
-alle zeven reeds gezeten waren. Alle zeven? Zeker.</p>
-<p>Judy had zonder den Generaal niet van de partij willen zijn, en had
-gezegd &ldquo;met haar leven er voor te zullen instaan,&rdquo; dat hem
-geene ongelukken zouden overkomen.</p>
-<p>Mr. Gillet keek bijna verstoord, toen hij het geheele troepje
-aanwezig vond, zonder dat de tot ondeugendheid neigenden thuis bleven,
-of iemand anders buiten hem zelven mee ging, die eenig gezag kon
-uitoefenen. Een oogenblik twijfelde hij, onder de gegeven
-omstandigheden, aan zijn persoonlijk overwicht.</p>
-<p>Judy ving den weifelenden blik op.</p>
-<p>&ldquo;U zegt bij u zelven een gedicht op, Mr. Gillet!&rdquo; zeide
-zij. <span class="pagenum">[<a id="pb260" href="#pb260" name="pb260">260</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Ik?&rdquo; sprak hij, en keek verwonderd. &ldquo;Werkelijk
-niet. Waarom denkt u dat, Miss Judy?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik kan het duidelijk hooren!&rdquo; zeide zij. &ldquo;Uwe
-oogen vertellen er van, en uw linker oor, om niet te spreken van de
-punten van uw snor.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Judy!&rdquo; riep verwijtend Meg, die door de eene of andere
-omstandigheid buitengewoon stil was.</p>
-<p>Hij wendde voor, boos te zijn&mdash;sloot zijne oogen, hield zijn
-linker oor vast, en bedekte zijn snor.</p>
-<p>&ldquo;Wat zouden ze kunnen zeggen?&rdquo; sprak hij.</p>
-<div class="lgouter">
-<p class="line">&ldquo;&ldquo;O, dat ik was waar &rsquo;k wilde
-zijn!</p>
-<p class="line">Dan was ik niet, waar ik nu ben;</p>
-<p class="line">Maar waar ik ben, daar moet ik zijn,</p>
-<p class="line">En waar ik &rsquo;t wilde, kan ik niet.&rdquo;</p>
-</div>
-<p class="first">Meg, ik verzoek je vriendelijk uit te scheiden, met op
-mijne teenen te trappen!&rdquo;</p>
-<p>En zoo werd Mr. Gillet zelfs vroolijk en spraakzaam, om te toonen,
-dat hij zich amuseerde, en de ossen werden aangestoken door den
-opgewekten geest, die achter hen heerschte, en bewogen zich een klein
-weinig sneller voorwaarts dan slakken. Toen zij ongeveer tien mijlen
-ver gekropen <span class="pagenum">[<a id="pb261" href="#pb261" name="pb261">261</a>]</span>waren, begon de langzame beweging en de hitte,
-die op hen neerviel, hen een weinig te kalmeeren.</p>
-<p>&ldquo;Als er niet iemand is, die een liedje zingt, of een verhaal
-vertelt, of iets voordraagt, of een grapje vertoont, dan stap ik uit en
-prik de ossen met mijn hoedenaald!&rdquo; zeide Judy.</p>
-<p>Zij stond op om hare stijf geworden beenen te ontspannen, en poogde
-zelfs een <i>pas-de-seul</i> uit te voeren, maar een gleuf in den weg
-was oorzaak, dat aan hare bewegingen alle bevalligheid ontbrak. Zij
-viel weer op den wagen neer.</p>
-<p>&ldquo;Hoe zou u het vinden, als ik u eens eenige gedichten voorlas,
-Miss Meg?&rdquo; zeide Mr. Gillet.</p>
-<p>Zijne hand tastte naar zijn zak, de groote, zware Tennyson werd te
-voorschijn gehaald; maar Judy en Pip en Bunby en Nell en Baby deden een
-kreet van verontwaardiging hooren.</p>
-<p>&ldquo;Dan zou ik nog liever uit willen stappen en de ossen en alles
-voortslepen!&rdquo; zeide Pip; dus werd het boek weer weggeborgen.</p>
-<p>&ldquo;Een verhaaltje over het een of ander,&rdquo; zeide
-Judy,&mdash;&ldquo;over een koekoeboerra, als u niets beter verzinnen
-kan!&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb262" href="#pb262" name="pb262">262</a>]</span></p>
-<p>Zulk een vogel&mdash;met een deftig, geheimzinnig
-uiterlijk&mdash;zat op eene haag aan den kant van den weg, en zoo kwam
-juist hij Judy in de gedachten.</p>
-<p>&ldquo;Wel, u zou een vervelender verhaaltje kunnen hooren dan dat
-wat ik ken over den koekoeboerra, of goboerra of landmansklok&mdash;of
-hoe u hem wil noemen,&rdquo; zeide Mr. Gillet, en streek peinzend langs
-zijn snor; &ldquo;maar eigenlijk is Tettawonga de man, om deze oude
-legenden te vertellen; wat ik u zal mededeelen, is dus maar een verhaal
-uit de tweede hand, en vrij vertaald.&rdquo;</p>
-<p>Judy zette zich tot luisteren, en wiegde den Generaal heen en weer,
-om hem stil te houden.</p>
-<p>&ldquo;Wacht even tot ik deze vrucht naar hem heb
-geslingerd&rdquo;&mdash;zeide Pip, haalde er een uit zijn zak, en
-verdreef den vogel van de haag. &ldquo;Hij mocht eens de leugens, die
-er over hem verteld worden, hooren en zich gekrenkt
-gevoelen.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Voor vele, vele jaren,&rdquo; Judy trok den neus op bij dit
-ouderwetsche begin, &ldquo;voor vele, vele jaren,&rdquo; zeide Mr.
-Gillet, &ldquo;toen dit jonge land nog jonger was, en onvergelijkelijk
-veel schooner, <span class="pagenum">[<a id="pb263" href="#pb263" name="pb263">263</a>]</span>toen Tettawonga&rsquo;s voorvaderen dapper en
-sterk en gelukkig waren als zorgelooze kinderen, toen hun
-verschrikkelijkste droom hun nog nooit van een tijd had doen droomen
-zoo verschrikkelijk als de blanke man over hun ras zou brengen,
-toen&mdash;&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;O, spaar ons de inleiding!&rdquo; pruttelde Pip
-ongeduldig.</p>
-<p>&ldquo;Toen,&rdquo; vervolgde Mr. Gillet, &ldquo;om kort te gaan,
-een Gouden Eeuw dit land in zijn zonneschijn hulde, spreidden een jonge
-koekoeboerra en zijn wijfje de vleugels uit, en vertrokken naar de
-purperen bergen aan gene zijde der gomboomen. Iederen nacht en iederen
-dag hielden zij eenigen tijd rust, om zich met wormen, hagedissen,
-boschmuisjes en rupsen te voeden, hetgeen toen het eenige voedsel was
-der koekoeboerra&rsquo;s. Op een dag, toen zij over een <i>bilwy</i>
-vlogen&mdash;wat een klein stroompje is, Miss Judy&mdash;waren zij zeer
-verschrikt, toen zij een <i>wipparoo</i>&mdash;de naam, dien Tettawonga
-aan eene slang geeft, Pip&mdash;over een steen zagen liggen. Hare kop
-was opgeheven, haar mond wijd open, en haar nek zeer opgeblazen, en
-juist boven den kop van het monster <span class="pagenum">[<a id="pb264" href="#pb264" name="pb264">264</a>]</span>fladderde, angstig
-klapwiekend en piepend, een mooi klein vogeltje, dat de koekoeboerra
-dadelijk herkende als zijnde de <i>jeeda</i>, het kleine blauwe
-winterkoninkje.</p>
-<p>&ldquo;De <i>wipparoo</i> scheen al het mogelijke te doen, om het
-aardige kleine diertje, dat van vrees en opwinding bijna uitgeput was,
-angstig te maken. Het vloog steeds naderbij, staarde onafgebroken in de
-glinsterende oogen der slang, en ten laatste, met een doordringenden
-schreeuw, viel het hulpeloos in zijne gapende kaak. De
-koekoeboerra&rsquo;s waren zeer bedroefd, toen zij het treurige
-uiteinde van de arme <i>jeeda</i> zagen, en vlogen vlug weg uit het
-gezicht van de vreeselijke <i>wipparoo</i>. Weldra zagen zij haar
-echter haastig door het gras glijden, zonder twijfel op weg naar haar
-hol na het uitgezochte maal. Zij kwam langs een blok hout, dat langzaam
-lag te branden, en zoodra de <i>wipparoo</i> dit ontdekt had, legde zij
-zich, daar zij zeer moede was, er naast neer, en sliep den slaap des
-onrechtvaardigen.</p>
-<p>&ldquo;In haar droom zag zij de <i>jeeda</i> weer boven zich
-fladderen, en plotseling haar kop ver omhoogstrekkende, <span class="pagenum">[<a id="pb265" href="#pb265" name="pb265">265</a>]</span>opende zij haar vreeselijke kaken&mdash;toen
-eensklaps het mooie, blauwe vogeltje er zich uit bevrijdde, en
-ongedeerd vlug weg vloog.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Heb ik van mijn leven!&rdquo; zeide Bunby. &ldquo;Ga voort;
-die was nog handiger dan Jonas!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;De koekoeboerra&rsquo;s waren zoo verheugd, toen zij de
-wonderbare redding van de <i>jeeda</i> zagen, dat zij in een luid
-gelach uitbarstten&mdash;de eerste keer, dat een vogel gelachen heeft.
-Toen zonk de groote, roode zon, die Tettawonga en alle Koree&rsquo;s,
-Euroka noemen, weg achter de oranje getinte bergen, en de wereld werd
-grijs.</p>
-<p>&ldquo;Een slanke, jonge Koree, die kwam aanwandelen, zag de
-<i>wipparoo</i>, en met een slag van zijn sterke <i>nulla-nulla</i>,
-dat, vertaald, een knots is, scheidde hij haar kop van haar
-lichaam.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Ik zou haar om mijn hoofd gezwaaid en haar rug verbrijzeld
-hebben, zooals Tettawonga doet!&rdquo; zeide Pip. &ldquo;Weet u zeker,
-dat hij het ook niet zoo deed, Mr. Gillet?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Daar zou ik niet gaarne een eed op moeten doen,&rdquo; zeide
-deze heer, &ldquo;aangezien de Koree het tijdelijke met het eeuwige
-verwisseld heeft, en <span class="pagenum">[<a id="pb266" href="#pb266"
-name="pb266">266</a>]</span>dus niet als getuige kan opgeroepen worden.
-En verder: de koekoeboerra&rsquo;s sluimerden den geheelen nacht in een
-dichtbijzijnden boom; maar toen de zon weer begon haar boog langs den
-hemel te beschrijven, ontwaakten zij met een lach op hunne
-lippen&mdash;snavels moest ik zeggen, Miss Judy&mdash;want zij dachten
-er aan, hoe de <i>jeeda</i> aan de onbarmhartige <i>wipparoo</i>
-ontsnapt was. En sedert dien tijd, zoo sterk werkte dit voorval op
-hunne lachspieren, bij zonsopgang en zonsondergang, en ook wel eens
-tusschen dien tijd, barsten deze vreemdsoortige vogels in het lachen
-uit, dat u allen goed kent, en wanneer zij eene slang zien, pakken zij
-haar met hunne sterke bekken en dooden haar, als de Koree deed.</p>
-<p>&ldquo;Miss Meg, die zilverachtig groene gomboom voor u, duidt
-Eendenwater aan.&rdquo;</p>
-<p>Wat waren zij verheugd eindelijk te kunnen opstaan en hunne
-ledematen op den grond uitstrekken. Niemand van hen had gedacht, dat
-met een ossenspan rijden zoo vervelend, saai en ongemakkelijk was, als
-het na de eerste paar mijlen bleek te zijn. <span class="pagenum">[<a id="pb267" href="#pb267" name="pb267">267</a>]</span></p>
-<p>Toen zette de wagen zijn weg voort.</p>
-<p>&ldquo;Ik ben benieuwd of zij terug zullen zijn v&oacute;&oacute;r
-zonsondergang, als zij niet wat vlugger voortmaken,&rdquo; zeide Mr.
-Gillet; &ldquo;het is nu tijd voor den lunch.&rdquo;</p>
-<p>Zij bevonden zich op een groot grasveld, dat aan eene zijde
-plotseling naar het ravijn en het moerassige land afdaalde, hetwelk
-bekend was onder den naam van &ldquo;Eendenwater.&rdquo;</p>
-<p>Groote boomen wierpen hun schaduw aan den eenen kant, en langs den
-anderen bevond zich de omheining van prikkeldraad, die aantoonde, dat
-zij zich nog niet van Yarrahappini verwijderd hadden; verder op stond
-de eenzame hut van een der drijvers.</p>
-<p>Zij gingen gezamenlijk naar hem toe, om hem te spreken en om zijne
-eenzame woning te zien, v&oacute;&oacute;r hij zich bij de mannen met
-den kar zou gevoegd hebben.</p>
-<p>Zij kwamen in eene kleine kamer, met een grooten haard en een
-schoorsteen, waaraan een pan, een ketel, een kop en een lepel hingen.
-Er stond een leger in eenen hoek, met een paar blauwe dekens er op,
-eene houten tafel en een <span class="pagenum">[<a id="pb268" href="#pb268" name="pb268">268</a>]</span>stoel in het midden van het
-vertrek. Bij den haard was eene ruwe kast tegen den muur bevestigd. Zij
-was van eene oude zeepkist gemaakt, en bestemd, om levensmiddelen te
-bergen. Aan een spijker in de lage zoldering hing een zak van
-muskietengaas, en de gonzende vliegen, die hem omgaven, gaven te
-kennen, dat hij vleesch bevatte. De muren waren behangen met menig
-nummer van <i>Het <span class="corr" id="xd26e3791" title="Bron: gëillustreerde">ge&iuml;llustreerde</span> Nieuwsblad van
-Sydney</i> en <i>De Courant voor Stad en Land</i>, een courant van een
-maand oud lag op den stoel, waar de eigenaar hem had neergeworpen.</p>
-<p>De drijver was eene studie in bruine tinten: bruine, droomerige
-oogen; bruin, stoffig haar; eene bruine, door de zon uitgedroogde en
-verschrompelde huid, een bruine, onverzorgde baard, eene bruine broek
-van geribd fluweel, en eene bruine jas.</p>
-<p>Zijne pijp was evenwel zwart&mdash;zij zag er uit, alsof zij
-minstens twintig jaar was gebruikt geworden.</p>
-<p>&ldquo;Zou u niet liever dichter bij het woonhuis willen
-zijn?&rdquo; vraagde Meg. &ldquo;Is het hier niet eenzaam?&rdquo;
-<span class="pagenum">[<a id="pb269" href="#pb269" name="pb269">269</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Daar merk ik niets van,&rdquo; zeide de bruine man tot zijne
-pijp of zijn baard.</p>
-<p>&ldquo;Wat voer je wel uit als je niet in de velden bent?&rdquo;
-vraagde Pip.</p>
-<p>&ldquo;Rooken,&rdquo; zeide de man.</p>
-<p>&ldquo;Maar Zondags, en &rsquo;s avonds?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Rooken,&rdquo; zeide hij.</p>
-<p>&ldquo;Op Kerstdag,&rdquo; zeide Baby, vooruitdringend om dezen
-vreemden man te zien, &ldquo;wat doet u dan?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Rooken,&rdquo; antwoordde hij.</p>
-<p>Judy wenschte te weten hoe lang hij in het kleine huis gewoond had,
-en allen stonden versteld toen zij hoorden, dat hij zeven jaar lang
-daarin den meesten tijd had doorgebracht.</p>
-<p>&ldquo;Verleer je wel eens niet het praten?&rdquo; zeide zij met
-eene stem, waaruit schrik en verbazing spraken.</p>
-<p>Maar hij antwoordde kalm zijn baard dat er toch altijd de kat
-was.</p>
-<p>Baby had haar reeds gevonden onder de petroleum-aetherkan, die als
-emmer dienst deed, en het dier had haar op drie plaatsen gekrabd:
-bruin, als haar baas, had zij kwaardaardige oogen, groote snorren en
-<span class="pagenum">[<a id="pb270" href="#pb270" name="pb270">270</a>]</span>was mager als een hout; maar eene genegenheid,
-die reeds jaren bestond, verbond die beiden.</p>
-<p>Mr. Gillet deelde hem Mr. Hassal&rsquo;s verlangen mede, dat hij de
-andere mannen zou vergezellen en bij den boom helpen.</p>
-<p>Hij trok een bruinen hoed over zijn voorhoofd en begaf zich naar den
-ossenkar, die den kronkelenden weg opgekropen was tot bij den
-heuveltop.</p>
-<p>&ldquo;Water van de ton, is dichterbij dan de rivier!&rdquo; sprak
-hij tot zijne pijp voor hij heenging, en zij vonden zijn watervoorraad
-en vulden hun ketel voor den lunch.</p>
-<p>De gebraden kippen en eendvogels van mevrouw Hassal smaakten
-uitstekend, hoewel de zon haar best deed, ze zelfs op de schotels nog
-te braden. En de appeltaart en abrikozengebakjes verdwenen snel, en van
-de vruchtensalade, welke uit twee hermetisch gesloten flesschen te
-voorschijn kwam, bleef geen lepelvol over.</p>
-<p>Mr. Gillet had alles medegebracht om een meelkoek te bereiden, op
-uitdrukkelijk verzoek, en maakte na den lunch daartoe aanstalten, opdat
-zij den koek bij hun thee &rsquo;s middags zouden kunnen nuttigen.
-<span class="pagenum">[<a id="pb271" href="#pb271" name="pb271">271</a>]</span></p>
-<p>De koek werd zonder twijfel bewonderenswaardig vlug klaar
-gemaakt.</p>
-<p>Mr. Gillet schudde eenvoudig eenig meel uit een zak op een bord,
-voegde daar een weinig zout en wat water bij; toen kneedde hij dit
-alles, vormde van het deeg een koek, en legde dezen op de asch van het
-vuur, waarna hij hem met de warme, witte asch bedekte.</p>
-<p>&ldquo;Hoe vies!&rdquo; zeide Nell, en trok haar mooi neusje op.</p>
-<p>Maar toen hij gaar was, en Mr. Gillet hem opnam en de asch
-verwijderde&mdash;zie! toen was hij luchtig en licht en prachtig
-wit.</p>
-<p>Dus aten zij hem, en spraken vol geestdrift af, bij iederen
-volgenden picnic in de grasvelden van Misrule zulk een koek te
-maken.</p>
-<p>Zij vulden twee borden met eetwaren en zetten deze in de kast van
-den bruinen man en Mr. Gillet legde zijne ongelezen Engelsche couranten
-op den stoel naast de kast.</p>
-<p>&ldquo;Die courant is een maand oud,&rdquo; zeide hij, ootmoedig,
-ziende dat Meg voor de eerste maal dien dag, hem glimlachend aankeek.
-<span class="pagenum">[<a id="pb272" href="#pb272" name="pb272">272</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch19" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e410">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p272width"><img src="images/p272.jpg" alt="&ldquo;Zij bedekte haar gelaat met hare handen.&rdquo;" width="486"
-height="337">
-<p class="figureHead">&ldquo;Zij bedekte haar gelaat met hare
-handen.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XIX.</h2>
-<h2 class="main">EEN LICHTBLAUW HAARLINT.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<div class="lgouter">
-<p class="line">&ldquo;Zij in haar maagdelijke schoonheid</p>
-<p class="line xd26e2135">Als een heiligenbeeld zoo rein&mdash;</p>
-<p class="line">Hoe zouden die smarten en zonden,</p>
-<p class="line xd26e2135">Voor haar gevaarlijk ooit zijn?&rdquo;</p>
-</div>
-<p class="first">Aanleiding tot de omstandigheid, dat onze aanminnige,
-bleeke Margaret karig met hare glimlachjes was geweest, had dezelfde
-man, die alleen ze miste, gegeven.</p>
-<p>Eene warme vriendschap was in deze maand ontstaan tusschen het
-kleine, bevallige meisje, dat met zulke heldere, blauwe oogen eene
-toekomst <span class="pagenum">[<a id="pb273" href="#pb273" name="pb273">273</a>]</span>tegemoet zag, die, dit gevoelde zij, schoon
-moest zijn, en den man, welke zooveel doorleefd had, welke terug kon
-staren op een verleden, dat zwart en treurig was door zijne eigen
-schuld.</p>
-<p>Hij reed iederen dag met de meisjes uit, omdat mevrouw Hassal het
-niet aangenaam vond, wanneer zij verre afstanden alleen aflegden; en
-daar Judy haar paard zelden stapvoets liet loopen, en Meg het hare niet
-kon laten galoppeeren, was het natuurlijk, dat hij den geheelen tijd
-door aan de zijde der bedaarde en vreesachtige rijdster bleef.</p>
-<p>&ldquo;U herinnert mij aan een zusje van mij, dat gestorven
-is!&rdquo; zeide hij eens langzaam tot Meg, na een vertrouwelijk
-gesprek. &ldquo;Misschien, als zij nog in leven was, zou ik nu niet zoo
-verachtelijk zijn!&rdquo;</p>
-<p>Megs gelaat overtoog een hoogroode blos, en pijnlijk ontroerd keek
-zij voor zich. Het kwam haar vreeselijk voor, dat hij zou weten, dat
-zij niet onkundig was van zijne afdwalingen.</p>
-<p>&ldquo;Wie weet, of zij niet om u lijdt!&rdquo; fluisterde zij zoo
-zacht, dat hij haar nauwelijks verstaan kon, en toen deed hare
-vermetelheid haar <span class="pagenum">[<a id="pb274" href="#pb274"
-name="pb274">274</a>]</span>verbleeken, en zij liet haar paard een
-weinig sneller loopen, om hare verschrikte blikken te verbergen.</p>
-<p>Op den terugweg viel het lichtblauwe haarlint, dat haar vlecht hield
-samengebonden, op den grond. Hij steeg af, en raapte het op. Meg
-strekte hare hand er naar uit, maar hij maakte den strik los, en wond
-het langzaam om zijne groote hand.</p>
-<p>&ldquo;Mag ik het houden?&rdquo; zeide hij met zachte stem.
-&ldquo;Als mijn blauwe lint? Ik ken de voorwaarden, waartoe men zich
-daardoor verbindt.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Als u daaraan zou willen denken&mdash;o, als u dat wilde
-&hellip;&rdquo; zuchtte Meg meer, dan dat zij het sprak. Toen kwam Judy
-aangegaloppeerd, en zij reden alle drie naast elkander naar huis. Het
-maakte haar zoo gelukkig gedurende de warme, lange dagen, die nu
-volgden; voor een meisje, dat juist het leven binnentreedt, kan er geen
-reiner, dieper gevoel van vreugde bestaan, dan dat wat haar geschonken
-wordt door het bewustzijn, dat zij een invloed ten goede uitoefent op
-een man of eene vrouw, ouder dan zij zelve, bezoedeld <span class="pagenum">[<a id="pb275" href="#pb275" name="pb275">275</a>]</span>en
-levensmoede. Arme kleine Meg! In hare liefelijke, zonnige droomen had
-zij haar grooten <i>prot&eacute;g&eacute;</i> gezien als wederom zijnde
-een man onder mannen, met opgeheven hoofd zijne plaats in de wereld
-innemende, terugkeerende naar het moederland en de jonkvrouw afhalende,
-die volgens hare vruchtbare verbeeldingskracht daar geduldig op hem
-wachtte; en, dit alles omdat zij, Meg Woolcot, zich zijner had
-aangetrokken, en hem den weg had gewezen, dien hij moest volgen.</p>
-<p>En toen ging zij zich in een hangmat in de veranda aan de
-achterzijde van het huis wiegen, en al hare luchtkasteelen stortten in,
-en kwetsten en verwondden haar in hun val.</p>
-<p>Achter haar bevond zich eene dichte kruipende plant, en door de
-takken en bladeren heen kon zij Tettawonga hooren praten met de
-keukenmeid.</p>
-<p>&ldquo;Mr. Gillet weer aan den gang!&rdquo; zeide hij, en grijnsde
-met den kant van zijn mond, waar de pijp niet was. Meg hief zich in
-doodelijken schrik op. Sedert zij te Yarrahappini was, had zij deze
-<span class="pagenum">[<a id="pb276" href="#pb276" name="pb276">276</a>]</span>uitdrukking te dikwijls met betrekking tot
-werklieden van de bezitting hooren gebruiken, om niet te weten, dat
-daaronder een aanval van hevige drankzucht verstaan werd.</p>
-<p>&ldquo;Goede hemel! Dat verwondert me niets!&rdquo; zeide de
-dienstbode. &ldquo;Hij is den laatsten tijd veel te matig geweest; ik
-denk, dat hij geprobeerd heeft nuchter te blijven zoolang de
-log&eacute;s er zijn, maar dat kan hij toch niet volhouden! Wie heeft
-nu de sleutels?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Mevrouw Hassal,&rdquo; zeide hij. &ldquo;Jij haar gaan
-helpen&mdash;hij zal vandaag wel niet naar de magazijnen omzien, Mr.
-Gillet&mdash;hi, hi, ha, ha!&rdquo;</p>
-<p>Dat was er dus met hem gebeurd in die drie dagen, gedurende welke
-zij hem niet gezien had! Zij had gehoord, dat hij in opdracht van Mr.
-Hassal naar de naastbijwonende buren gereden was, maar had er niet aan
-gedacht, dat hem zoo iets zou overkomen zijn. Den vijfden dag had zij
-hem in de verte gezien, eens, toen hij uit de magazijnen kwam en eens
-toen hij buiten zijne eigen deur stond te rooken, en geen van beide
-keeren had zij iets buitengewoons aan hem waargenomen, <span class="pagenum">[<a id="pb277" href="#pb277" name="pb277">277</a>]</span>alleen misschien, dat zijne schouders iets meer
-gebogen waren.</p>
-<p>Den zesden dag had de picnic plaats.</p>
-<p>Even luchthartig en vroolijk als de anderen kon zij niet zijn, nu
-zij zoo teleurgesteld, nu haar vertrouwen in de menschen zoo geschokt
-was.</p>
-<p>Wat was hij zwak, dacht zij; hoe karakterloos! Al haar medelijden
-had plaats gemaakt voor eene jeugdige, diepe verontwaardiging.</p>
-<p>Zij had hem ternauwernood hare hand gereikt, toen zij elkander in
-den morgen ontmoet hadden, en was gedurende den langen rit opzettelijk
-koud en uit de hoogte tegen hem.</p>
-<p>Na den lunch geraakte het gezelschap verspreid. Judy nam den
-Generaal en ging met hem naar den kant der boomen; Pip en Bunby hielden
-zich bezig met sprinkhanen vangen; Baby en Nell plukten wilde bloemen.
-Meg knielde neer om de lepels en vorken in te pakken en de
-overgeschoten eetwaren weer in de manden te leggen, om ze voor de
-mieren te beveiligen.</p>
-<p>&ldquo;Dat zal ik wel doen&mdash;u ziet er zoo warm uit, Miss Meg;
-blijf u maar kalm zitten!&rdquo; zeide Mr. Gillet. <span class="pagenum">[<a id="pb278" href="#pb278" name="pb278">278</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Dank u, ik wil het liever zelf doen,&rdquo; antwoordde Miss
-Meg, met ijskoude kalmte.</p>
-<p>Zij keek hem niet aan, maar hare lippen stonden zoo strak, dat hij
-kon vermoeden hoe toornig de blik harer heldere, blauwe oogen zijn
-moest.</p>
-<p>Hij bood niet nogmaals zijne diensten aan, maar bleef haar met eene
-raadselachtige uitdrukking op het gelaat aan zitten staren, terwijl zij
-het een en ander inpakte. Toen zij bijna gereed was, haalde hij iets
-uit zijn zak te voorschijn.</p>
-<p>&ldquo;Dit moet ik u terug geven,&rdquo; zeide hij, en overhandigde
-haar het blauwe lint, keurig opgevouwen, maar daar, waar het gestrikt
-was geweest, kreukels vertoonende.</p>
-<p>Zij nam het aan zonder hare oogen op te slaan, verkreukelde het in
-hare hand, en stak het in haar zak.</p>
-<p>&ldquo;Ik had bijna gehoopt, dat u het mij zou hebben laten
-behouden, ondanks alles&rdquo;&mdash;zeide hij, &ldquo;als een talisman
-voor de toekomst, maar uwe lippen zijn te streng, Miss Meg, dan dat ik
-deze hoop langer zou kunnen koesteren.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb279" href="#pb279" name="pb279">279</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Het zou even vruchteloos zijn, als het geweest is!&rdquo;
-antwoordde zij stijf. Maar hare handen bewogen zich zenuwachtig, en zij
-pakte de resten van een ham en van een confiturentaart samen in een
-mand.</p>
-<p>&ldquo;Dus behoef ik mij geene illusies te maken?&rdquo; zeide
-hij.</p>
-<p>&ldquo;Het zou tot niets leiden!&rdquo; herhaalde Meg, terwijl zij
-sinaasappels en bananen met eene verhoogde kleur opraapte.</p>
-<p>Hij begrijpt niet, hoe slecht hij geweest is, hij denkt, dat alles
-maar dadelijk vergeven en vergeten moet zijn, dacht zij.</p>
-<p>Hij ledigde langzaam den trekpot op den grond, sloot hem met zijn
-zwart geworden deksel, en bond er eene courant om heen. Toen keek hij
-weer naar haar, en de wijze, waarop haar zijdeachtig haar op haar
-voorhoofd viel, deed hem aan zijn gestorven zusje denken.</p>
-<p>&ldquo;Ik <i>smeek</i> u mij het lint terug te geven, Miss
-Meg!&rdquo; zeide hij.</p>
-<p>Megs hart en hoofd kampten een hevigen strijd; haar hart was
-gevoelig en warm, en zeide <span class="pagenum">[<a id="pb280" href="#pb280" name="pb280">280</a>]</span>haar, het lint te voorschijn te
-halen, en het hem dadelijk te geven; het hoofd sprak, dat hij zwaar
-gezondigd had, en dat zij hem haar misnoegen moest laten blijken, zelfs
-wanneer zij hem ten laatste zijn verzoek zou toestaan. Het hoofd
-behaalde de overwinning.</p>
-<p>&ldquo;Mijn invloed is klaarblijkelijk vruchteloos,&mdash;dat eindje
-lint zou in de toekomst toch niets baten!&rdquo; zeide zij zeer
-koud.</p>
-<p>Hij leunde tegen den boom en gaapte, alsof het onderwerp hem verder
-geene belangstelling inboezemde.</p>
-<p>&ldquo;U heeft gelijk!&rdquo; zeide hij.</p>
-<p>Meg had min of meer een gevoel van verslagenheid.</p>
-<p>&ldquo;Als u werkelijk veel aan het lint gelegen is, kan u het
-natuurlijk hebben!&rdquo; zeide zij uit de hoogte.</p>
-<p>Zij nam het uit haar zak, en reikte het hem toe.</p>
-<p>Maar hij deed geene poging het aan te nemen.</p>
-<p>&ldquo;Behoud het en bind er uw haar weer mede vast,
-juffertje!&rdquo; zeide hij. &ldquo;Inderdaad, ik geloof ook niet, dat
-het van eenig nut zou zijn.&rdquo; <span class="pagenum">[<a id="pb281"
-href="#pb281" name="pb281">281</a>]</span></p>
-<p>Meg ging met gloeiende wangen voort, alles, op te bergen, en hij
-stopte zijne pijp en rookte, en sloeg haar al dien tijd lui gade.</p>
-<p>&ldquo;Het is wel vreemd,&rdquo; zeide hij, meer alsof hij bij zich
-zelf eene opmerking maakte, dan dat hij tot haar sprak, &ldquo;maar de
-vrouwen, die er het zachtst uitzien, zijn bijna altijd het
-hardst.&rdquo;</p>
-<p>Meg opende haar mond om te spreken, maar vond geene woorden, dus
-sloot zij hem weer, en begon voor de vierde maal Mevrouw Hassal&rsquo;s
-vorken te tellen.</p>
-<p>&ldquo;Zou u het mij kwalijk nemen, Miss Meg, als ik u een raad gaf,
-in ruil voor alles, wat u voor mij deed?&rdquo; zeide hij, nam zijne
-pijp uit zijne mond en keek naar het zilveren beslag, alsof hij de
-daarop gegraveerde letters wilde ontcijferen.</p>
-<p>&ldquo;Zeker niet!&rdquo;</p>
-<p>Zij legde het pakje neer en keek met kalme, verwonderde oogen tot
-hem op. &ldquo;Zeg wat u wil, ik zal het gaarne aanhooren.&rdquo;</p>
-<p>Hij ging rechtop zitten, en speelde met het uiteinde van een riem,
-terwijl hij sprak.</p>
-<p>&ldquo;U heeft broers,&rdquo; zeide hij, &ldquo;eens zullen zij
-<span class="pagenum">[<a id="pb282" href="#pb282" name="pb282">282</a>]</span>dingen doen, die minder goed zijn,&mdash;want
-alleen vrouwen als u, Miss Meg, en engelen kunnen altijd het rechte pad
-blijven bewandelen. Wees niet te hard voor hen. Doe geene poging, om
-hen het onderscheid te laten merken tusschen uwe deugd en hunne
-verdorvenheid. Zij zullen het duidelijk genoeg zien, maar het zal hun
-niet aangenaam zijn, als gij er hen opmerkzaam op maakt. Wees
-vriendelijk en vergevensgezind&mdash;zij zullen zich zoo rampzalig
-gevoelen, als ge maar kunt wenschen. De wereld heeft een eigenaardigen
-afkeurenden blik, en een onuitputtelijken schat van liefdelooze
-woorden&mdash;zou men niet kunnen volstaan, met er haar het monopolie
-van te laten?&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;O!&rdquo; zuchtte Meg. Hare wangen waren donkerrood, en alle
-hoogheid was uit hare houding verdwenen.</p>
-<p>Hij wond met groote zorg den riem om niets en ging met zachte stem
-voort:</p>
-<p>&ldquo;Veronderstel, dat Pip den een of anderen dag iets zeer
-verkeerds deed, en dat de wereld steenen op hem wierp, tot hij gewond
-en gebroken was. En veronderstel, dat hij, diep treurig, thuis kwam
-<span class="pagenum">[<a id="pb283" href="#pb283" name="pb283">283</a>]</span>bij zijne zusters. En Meg, die alles wat slecht
-is, verafschuwt, werpt nog eenige kleine steentjes op hem, opdat de
-pijn hem eene les zou geven, welke hij niet meer zou kunnen vergeten.
-En Judy, die bedenkt, dat hij haar broer is en verdriet heeft, slaat
-hare armen om hem heen, en spreekt hem moed in, en helpt hem weer den
-strijd met de wereld beginnen, en voegt hem geen hard woord toe, noch
-ziet hem met een boozen blik aan, want zij denkt, dat die hem reeds
-genoeg worden toegevoegd. Welke zuster denkt u, Miss Meg, zal den
-meesten invloed hebben?&rdquo;</p>
-<p>Meg&rsquo;s kleine, liefelijke mond trilde, hare oogen waren strak
-neergeslagen, omdat de tranen er uit zouden gesprongen zijn, als zij
-zou hebben opgekeken.</p>
-<p>&ldquo;O!&rdquo; zeide zij nogmaals. &ldquo;O, wat ben ik slecht
-geweest&mdash;o!&rdquo;</p>
-<p>Zij bedekte het gelaat met hare handen, want een der snel opgewelde
-tranen trilde aan hare wimpers.</p>
-<p>Mr. Gillet legde den riem en de pijp neer, en <span class="pagenum">[<a id="pb284" href="#pb284" name="pb284">284</a>]</span>keek
-naar haar met een zachten, teederen blik.</p>
-<p>&ldquo;Ik ben meer dan tweemaal zoo oud als u, Miss Meg, bijna oud
-genoeg om uw vader te zijn,&mdash;u vergeeft mij, nietwaar, dat ik u
-dit alles heb gezegd? Ik dacht aan mijn zusje, dat gestorven is. Ik had
-nog eene zuster, die was een jaar ouder, maar zij was
-hardvochtig&mdash;&eacute;&eacute;ns maar ging ik naar haar toe. Zij is
-eene der beste vrouwen van Engeland nu, maar hare woorden zijn streng.
-Mijne kleine Miss Meg, ik kan de gedachte niet verdragen, dat u
-misschien ook hardvochtig zou worden.&rdquo;</p>
-<p>Dikke tranen waren tusschen de vorken gevallen. Meg schreide, omdat
-zij wel moest bedenken, welk een hatelijk schepsel zij was. Eerst had
-Alan haar de les gelezen, en over zijn zusje gesproken, en nu ook deze
-man.</p>
-<p>Hij gaf een verkeerden uitleg aan haar zwijgen.</p>
-<p>&ldquo;Ik heb het recht niet, zoo tot u te spreken, omdat mijn leven
-alles behalve onbevlekt is geweest, dat denkt u op het oogenblik,
-nietwaar, Miss Meg?&rdquo; zeide hij zeer treurig.</p>
-<p>Meg liet hare handen vallen. <span class="pagenum">[<a id="pb285"
-href="#pb285" name="pb285">285</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;O neen!&rdquo; zeide zij. &ldquo;O! hoe kan u op die gedachte
-komen? Ik vind het alleen zoo vreeselijk, dat ik zoo slecht geweest
-ben!&rdquo; Zij greep in haar zak en nam er het lint uit.</p>
-<p>&ldquo;Wil u het terugnemen?&rdquo; zeide zij.&mdash;&ldquo;O, neem
-het, ik gevoel me anders zoo schuldig. O, ik bid u, neem
-het!&rdquo;</p>
-<p>Zij keek naar hem met vochtige, smeekende oogen, en strekte de hand
-met het lint naar hem toe.</p>
-<p>Hij nam het, streek het glad, en legde het in zijn zakboek.</p>
-<p>&ldquo;God zegene u!&rdquo; zeide hij, en de toon waarop hij deze
-woorden uitte, deed Meg snikken.</p>
-<div class="figure o285width"><img src="images/o186.png" alt="Ornament." width="104" height="35"></div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb286" href="#pb286" name="pb286">286</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch20" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e419">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p286width"><img src="images/p286.jpg" alt="&ldquo;Over het gras vloog eene kleine, lichte gestalte.&rdquo;"
-width="496" height="353">
-<p class="figureHead">&ldquo;Over het gras vloog eene kleine, lichte
-gestalte.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XX.</h2>
-<h2 class="main">JUDY.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Over het gras vloog eene kleine, lichte gestalte, Judy in een rose
-japonnetje met hare woeste krullen dansende om haar gelaat.</p>
-<p>&ldquo;Wil u zoo graag een zonnesteek krijgen&mdash;waar is dan toch
-uw hoed, Miss Judy?&rdquo; vraagde Mr. Gillet.</p>
-<p>Judy schudde hare donkere haren.</p>
-<p>&ldquo;Dat kan ik heusch niet zeggen,&rdquo; antwoordde
-zij,&mdash;&ldquo;de Generaal wil eene banaan, en als jelui
-<span class="pagenum">[<a id="pb287" href="#pb287" name="pb287">287</a>]</span>alle sinaasappels opgegeten hebt, bezwijk ik
-binnen de eerste vijf minuten!&rdquo;</p>
-<p>Meg schoof den mand met vruchten over het servet naar haar toe, en
-beproefde hare oogen door den rand van haar hoed te verbergen.</p>
-<p>Maar Judy&rsquo;s schitterende, donkere kijkers hadden de vochtige
-wimpers op het eerste gezicht ontdekt.</p>
-<p>&ldquo;U heeft zeker allerlei domme gedichten zitten voorlezen,
-waardoor Meg is gaan schreien!&rdquo; zeide zij, met een uitdagenden
-blik van Mr. Gillet naar het boek op het gras. &ldquo;U beiden moest u
-schamen, hoort dat nu thuis op een picnic? In ieder geval heeft het
-sinaasappelen uitgespaard!&rdquo;</p>
-<p>Zij nam een half dozijn groote sinaasappelen uit den mand, evenals
-vier of vijf bananen, en liep met vluggen tred terug naar de boomgroep,
-waar de Generaal in zijn linnen jurkje, juist kon gezien worden.</p>
-<p>Hij zat kalm in den grond te wroeten en de aarde in zijn kleinen,
-rooden mond te stoppen, toen zij met de bananen terugkwam.</p>
-<p>Hij keek met een allerliefsten glimlach tot haar op. <span class="pagenum">[<a id="pb288" href="#pb288" name="pb288">288</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Baby!&rdquo; zeide zij, en wierp zich op hem in een van hare
-ontstuimige buien van teederheid&mdash;&ldquo;baby!&rdquo;</p>
-<p>Zij kuste hem wel vijftig maal; het gevoel van liefde, dat zij voor
-dit kleine, dikke, vuile ventje koesterde, overstelpte haar
-somstijds.</p>
-<p>Toen trok zij hem op hare knie en veegde met een punt van zijn
-jurkje zooveel mogelijk de aarde uit zijn mond.</p>
-<p>&ldquo;Narna,&rdquo; zeide hij, zich losworstelende, tot hij weer op
-den grond zat; dus ontdeed zij eene groote gele banaan van de schil, en
-gaf hem die in zijne kleine hand.</p>
-<p>Hij at er iets van, en kneep de rest stijf tusschen zijne handjes,
-daarop keek hij er vol genoegen naar, hoe het moes in kleine, op wurmen
-gelijkende rolletjes tusschen zijne dikke vingertjes te voorschijn
-kwam.</p>
-<p>Toen smeerde hij het in zijn gezichtje, en wreef het zelfs over zijn
-haar, terwijl Judy met haar vijfden sinaasappel bezig was.</p>
-<p>Dus moest zij hem natuurlijk klappen geven, omdat hij zoo vies was,
-of voorwenden dit te <span class="pagenum">[<a id="pb289" href="#pb289"
-name="pb289">289</a>]</span>doen, wat op hetzelfde neerkwam. En toen
-moest hij haar slaan, hetgeen niet bij voorgewende klappen bleef.</p>
-<p>Hij sloeg haar met een stok, dien hij bij zich vond, hij beukte op
-haar gezicht en rukte aan haar haar en liet zich zelf telkens op haar
-neervallen, en dit alles zoo vol ijver en met zulk een grooten ernst,
-dat zij, ook wanneer hij haar werkelijk pijn deed, niets kon doen dan
-lachen.</p>
-<p>&ldquo;Dood?&rdquo; zeide hij ten laatste angstig. En zij begon luid
-te schreien, het gezicht in de handen en met schokkende schouders,
-zooals het voor eene boetvaardige berouwhebbende past. En toen sloeg
-hij zijne armpjes om haar hals, en pakte haar, en zeide
-&ldquo;Ju-Ju&rdquo; met een gedempt stemmetje, en klopte haar op de
-wangen, en gaf haar wel honderd stijve, natte zoentjes met zijn open
-mondje, tot zij weer bijgekomen was.</p>
-<p>Daarop speelden zij krijgertje, en de Generaal viel wel twintig maal
-op den grond, en schramde zijne knieën en zijne handen, en hief
-zich weer op, en waggelde weer verder.</p>
-<p>Plotseling bleef Judy stil staan; een insect was <span class="pagenum">[<a id="pb290" href="#pb290" name="pb290">290</a>]</span>bezig zich in haar pols te boren. Alleen de twee
-zwarte pooten staken nog buiten haar huid uit, en geruimen tijd trok
-zij en trok zij zonder eenig gevolg. Toen brak het insect in
-tweeën, en zij moest de eene helft laten waar zij was, in de hoop
-dat grootmama er haar later wel van zou kunnen bevrijden.</p>
-<div class="figure p290width"><img src="images/p290.jpg" alt="JUDY SNELDE VOORT." width="487" height="720">
-<p class="figureHead">JUDY SNELDE VOORT.</p>
-</div>
-<p>Twee of drie minuten lang was zij bezig geweest met hare pogingen,
-om het dier te verwijderen, en toen zij opkeek was de Generaal een
-eindje verder, en liep weg zoo vlug als zijne kleine dikke beenen dit
-toelieten, altijd denkende, dat zij achter hem aan kwam. Juist, toen
-zij weer begon te loopen, keek hij om, met schitterende, ondeugend
-kijkende oogjes, en een lachend gezichtje, dat o! zoo vuil was.</p>
-<p>En toen&mdash;ach God!</p>
-<p>Het is zoo hard dit te moeten schrijven. Mijne pen vertelde tot nu
-toe slechts zonnige tafereelen, en nu!</p>
-<p>&ldquo;Jij kleine ondeugd!&rdquo; riep Judy, en deed, alsof zij zeer
-vlug liep. Toen scheen de geheele wereld voor hare oogen te
-draaien.</p>
-<p>Een boom stortte neer, een van de zware, hooge <span class="pagenum">[<a id="pb291" href="#pb291" name="pb291">291</a>]</span>stammen, die reeds lang geene bladeren meer
-droegen. Hij had den geheelen dag staan wankelen, door en door
-vermolmd; nu kwam een windvlaag opzetten, die hem neerstrekte. Een
-woesten, schorren kreet stootte Judy uit, toen snelde zij voort, met
-uitgestrekte armen op het kleine ventje af, dat met lachende oogen en
-lippen vlak op zijn dood afliep.</p>
-<p>De slag deed de boomen rondom schudden, de lucht scheen te
-splijten.</p>
-<p>Zij hadden het gehoord&mdash;al de anderen&mdash;den wilden kreet,
-en toen het dreunende gekraak.</p>
-<p>Hoe trilden hunne knieën! hoe bleek waren hunne gezichten, toen
-zij allen naar de plaats, vanwaar het geluid gekomen was, snelden.</p>
-<p>Zij wentelden hem van de kleine lichaampjes af&mdash;den langen
-zilverachtigen stam, waarop de gom droog en dood in streepen kleefde.
-Judy lag met het gelaat naar den grond en uitgestrekte armen.</p>
-<p>En onder haar lag de Generaal, een beetje verdrukt, hoogst verbaasd,
-maar volkomen ongedeerd.</p>
-<p>Meg sloot hem &eacute;&eacute;n oogenblik in haar armen,
-<span class="pagenum">[<a id="pb292" href="#pb292" name="pb292">292</a>]</span>maar zette hem toen neer, en voegde zich bij de
-anderen, die vlak om Judy stonden.</p>
-<p>O dat kleine, donkere, stille hoofd, dat onbeweeglijke lichaampje in
-zijn rose, verkreukt kleedje, die kleine, magere, uitgestrekte
-handen!</p>
-<p>&ldquo;Judy!&rdquo; zeide Pip, met smeekende, hevig angstige
-stem.</p>
-<p>Maar het eenige antwoord was de wind in de kronen der boomen en de
-hijgende ademhaling der anderen.</p>
-<p>Mr. Gillet begreep, dat hij handelend op moest treden. Hij ging met
-Pip naar de hut van den drijver, en zij namen de deur uit hare lederen
-hengsels en droegen deze de heuvel af.</p>
-<p>&ldquo;Ik zal haar optillen,&rdquo; zeide hij, en sloeg zijne armen
-om de kleine gestalte, lichtte haar langzaam, langzaam, zachtjes op, en
-legde haar op de deur met het gelaat naar den hemel gericht.</p>
-<p>Maar zij kreunde&mdash;o, hoe kreunde zij!</p>
-<p>Pip, die, bij het eerste teeken van leven zijn keel als het ware had
-voelen dichtknijpen, kon zich bijna niet meer goed houden, toen deze
-korte, jammerende tonen over hare lippen kwamen.</p>
-<p>Zij hieven de draagbaar op, en brachten haar <span class="pagenum">[<a id="pb293" href="#pb293" name="pb293">293</a>]</span>naar
-de kleine hut op den top van den heuvel.</p>
-<p>En toen sprak Mr. Gillet, buiten de deur, tot Pip en Meg, die beiden
-verslagen, door den schrik geheel verdoofd, schenen.</p>
-<p>&ldquo;Het zal uren duren, voor wij hulp kunnen krijgen, en het is
-nu vijf uur!&rdquo; zeide hij. &ldquo;Pip, er woont een dokter te
-Boolagri, tien mijlen van hier. Haal hem&mdash;loop den geheelen weg
-door hard. Ik zal terug naar huis gaan&mdash;dat is veertien mijlen.
-Miss Meg, ik kan niet in een ommezien terugzijn. Ik zal een rijtuig
-halen, de ossenkar gaat te langzaam, en schudt te veel, hij kan niet
-dienen, ook al kwam hij dadelijk terug, U moet bij haar blijven, en
-haar water geven als zij daarom vraagt&mdash;dat is alles wat u voor
-haar doen kan.&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Zou zij dood gaan?&rdquo; zeide Meg.</p>
-<p>Hij dacht aan alles wat zou kunnen gebeuren alvorens hij hulp
-bracht, en durfde haar niet onvoorbereid achterlaten.</p>
-<p>&ldquo;Ik denk, dat haar ruggegraat gebroken is,&rdquo; zeide hij
-zeer kalm. &ldquo;Als dit zoo is, dan is er geene hoop meer.&rdquo;
-<span class="pagenum">[<a id="pb294" href="#pb294" name="pb294">294</a>]</span></p>
-<p>Pip snelde den weg op, waarlangs hij den dokter bereiken kon.</p>
-<p>Mr. Gillet gaf nog een paar aanwijzingen, toen keek hij naar
-Meg.</p>
-<p>&ldquo;Alles hangt van u af; u moet kalm en bedaard blijven!&rdquo;
-zeide hij. &ldquo;Verleg haar niet, blijf gedurig bij haar.&rdquo;</p>
-<p>Hij begaf zich naar den weg, die naar beneden leidde.</p>
-<p>Zij vloog hem achterna.</p>
-<p>&ldquo;Zou zij sterven terwijl u weg is?&mdash;en er niemand anders
-dan ik bij haar blijft?&rdquo;</p>
-<p>Hare oogen staarden hem woest, vol doodelijken angst aan.</p>
-<p>&ldquo;God weet het!&rdquo; zeide hij, en ging verder.</p>
-<p>Het kwam hem bijna te wreed voor, het jonge meisje alleen achter te
-laten, haar alleen zulke vreeselijke uren te laten doorbrengen.</p>
-<p>&ldquo;Help mij, goede God!&rdquo; steunde zij, terwijl zij
-terugijlde, maar niet naar de zware, laaghangende wolken keek.
-&ldquo;Help mij, goede God! God, help mij, help mij!&rdquo;
-<span class="pagenum">[<a id="pb295" href="#pb295" name="pb295">295</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch21" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e429">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p295width"><img src="images/p295.jpg" alt="&ldquo;Daar buiten stonden onbeweeglijk de ossen, en hunne gestalten teekenden zich tegen den hemel af.&rdquo;"
-width="490" height="319">
-<p class="figureHead">&ldquo;Daar buiten stonden onbeweeglijk de ossen,
-en hunne gestalten teekenden zich tegen den hemel af.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XXI.</h2>
-<h2 class="main">TOEN DE ZON ONDERGING.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<p>Welk een zonsondergang!</p>
-<p>Van af den voet van den met gras begroeiden heuvel strekte zich een
-vurig roode hemel uit, met purperen donzige wolken, die in banken boven
-elkaar gestapeld waren, tot waar de wegstervende gloed in het
-verbleekende blauw wegsmolt. De boomgroep was zwart van kleur geworden,
-en strekte sombere, roerlooze, scherp tegen den oranjekleurigen
-achtergrond uitkomende armen uit. De wind was geheel gaan liggen, en de
-lucht <span class="pagenum">[<a id="pb296" href="#pb296" name="pb296">296</a>]</span>drukte op alles, warm en bezwaard met de
-beklemmende vreemde stilte van het bosch.</p>
-<p>En op den top van den heuvel, in de deur van de kleine, bruine hut,
-hare wijdgeopende oogen naar den heerlijk schoonen hemel geslagen, lag
-Judy te sterven. Zij was nu zeer rustig, hoewel zij druk gesproken
-had&mdash;gesproken over allerlei. Zij zeide hun, dat zij volstrekt
-geene pijn had.</p>
-<p>&ldquo;Maar ik zal sterven, als ik opgelicht word,&rdquo; zeide
-zij.</p>
-<p>Meg zat naast haar, neergehurkt op den grond. Zij had hare oogen
-niet van het gezichtje afgewend, dat daar lag op een kussen van
-regenmantels, zij had hare bleeke lippen geen enkele maal geopend om
-een woord te zeggen.</p>
-<p>Daarbuiten stonden onbeweeglijk de ossen en hunne gestalten
-teekenden zich tegen den hemel af.&mdash;Judy zeide, dat zij er uit
-zagen als opgezette dieren, die gephotografeerd moesten worden. Zij
-glimlachte daarbij even, maar Meg zeide: &ldquo;O, doe dat niet!&rdquo;
-en kromp ineen.</p>
-<p>Twee der mannen waren weggegaan, om hulp <span class="pagenum">[<a id="pb297" href="#pb297" name="pb297">297</a>]</span>te
-zoeken, die zij toch niet zouden vinden; de anderen stonden op eenigen
-afstand, en praatten met gedempte stem tot elkander.</p>
-<p>Er was voor hen niets te doen. De bruine man had
-gesproken&mdash;iets wat zelden gebeurde.</p>
-<p>Hij had den Generaal in slaap gesust, en hem op het leger gelegd en
-de blauwe deken om hem heen geslagen. En toen had hij warme, sterke
-thee gezet, en had met tranen in zijne oogen de kinderen gevraagd,
-daarvan te drinken, maar geen enkele wilde dit doen.</p>
-<p>Baby was op den grond in slaap gevallen, hare armen stijf om
-Judy&rsquo;s rijglaars geslagen.</p>
-<p>Bunby stond, met eene uitdrukking van ontzetting op zijn bleek
-gelaat, achter de draagbaar. Zijne oogen waren op het haar van zijn
-zusje gevestigd, maar hij durfde niet naar haar gezicht kijken, uit
-angst voor wat hij daar zou zien. Nellie was geen oogenblik kalm, nu
-eens liep zij naar de haag en keek den weg af, waarover reeds de
-schaduwen van den avond zweefden, dan wierp zij zich achter de hut met
-het gelaat op den grond en riep: &ldquo;Maak haar beter, God! God, maak
-haar <span class="pagenum">[<a id="pb298" href="#pb298" name="pb298">298</a>]</span>beter, maak haar beter! O! kunt ge haar niet
-beter maken?&rdquo;</p>
-<p>De schaduwen rondom de kleine woning namen diepere tinten aan, de
-omtrekken der buffels waren niet meer zichtbaar, slechts eene
-onduidelijke zwarte massa lag daar tusschen de hut en den hemel. Achter
-de boomen verglom het vurige schijnsel; hier en daar waren nog gele,
-lichtende vlammen, maar de gloeiende zonneschijf was weggedoken, en de
-purperen, luchtige sluier zonk in het niet.</p>
-<p>De kreet van een pluvier verbrak de stilte, wild, klagend, snijdend
-was het geluid. Meg huiverde en ging rechtop zitten. Judy&rsquo;s
-voorhoofd werd vochtig, zij sperde de oogen wijd open, hare lippen
-beefden.</p>
-<p>&ldquo;Meg!&rdquo; zeide zij met eene fluisterende stem, die de
-lucht doorkliefde; &ldquo;o, Meg, ik ben zoo bang! Meg, ik ben zoo
-bang!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;God!&rdquo; zeide Megs hart.</p>
-<p>&ldquo;Meg, zeg iets. Meg, help mij! Wat wordt het al donker, Meg;
-Meg, ik kan niet sterven! O, waarom komen zij nog niet?&rdquo;</p>
-<p>Nellie vloog weer naar de haag, om daarop te fluisteren:
-<span class="pagenum">[<a id="pb299" href="#pb299" name="pb299">299</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Maak haar beter, God&mdash;o, ik smeek u, God!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;Meg, ik kan niets bedenken om te zeggen. Kan jij niet iets
-zeggen, Meg? Zijn er geen gebeden voor de stervenden in het
-gebedenboek?&mdash;Ik ben het vergeten. Spreek toch, Meg!&rdquo;</p>
-<p>Meg&rsquo;s lippen bewogen, maar het was haar niet mogelijk een
-woord te uiten.</p>
-<p>&ldquo;Meg, ik ben zoo bang! Ik kan aan niets anders denken, dan aan
-&ldquo;wat wij eenmaal zullen ontvangen&rdquo;, en dat is vergiffenis,
-nietwaar? En in het Onze Vader komt ook niets voor, dat mij kan helpen.
-Meg, ik wilde, dat wij naar de Zondagsschool gegaan waren en daar van
-allerlei geleerd hadden. Wat wordt het al donker, Meg! O, Meg, houd
-mijne handen vast!&rdquo;</p>
-<p>&ldquo;In den hemel zal het&mdash;niet&mdash;donker zijn!&rdquo;
-spraken Megs lippen.</p>
-<p>Zelfs wanneer zij iets zeggen kon, was het niets dan een
-gestamelden, vroeger gehoorden zin, dien zij murmelde.</p>
-<p>&ldquo;Als er alles van goud en edelgesteenten is, dan wil ik er
-liever niet heen!&rdquo; Het kind begon nu te schreien. &ldquo;O, Meg,
-ik wil liever blijven <span class="pagenum">[<a id="pb300" href="#pb300" name="pb300">300</a>]</span>leven! Hoe zou jij het vinden,
-Meg, om te sterven, als je nog maar dertien jaar bent? Hoe eenzaam zal
-ik zijn zonder jelui allen. O, Meg! o, Pip, Pip! o, Baby!
-Nell!&rdquo;</p>
-<p>De tranen stroomden over hare wangen, hare borst hijgde.</p>
-<p>&ldquo;O, zeg iets, Meg!&mdash;zeg een gezang op!&mdash;spreek
-toch!&rdquo; De halve inhoud van het boek der &ldquo;Oude en Nieuwe
-gezangen&rdquo; dwarrelde door Megs gedachten. Welk kon zij uitkiezen,
-dat rust zou brengen in die koortsachtige oogen, die met zulk een
-angstigen smeekenden blik op haar gelaat gevestigd waren?</p>
-<p>Toen opende zij de lippen:</p>
-<div class="lgouter">
-<p class="line">&ldquo;&ldquo;Kom slechts tot Mij, gij moeden,</p>
-<p class="line">Dan geef &rsquo;k u zoete rust</p>
-<p class="line">O, gij&mdash;&rdquo;&rdquo;</p>
-</div>
-<p class="first">&ldquo;Ik ben niet moede, ik verlang niet naar
-rust!&rdquo; zeide Judy, op jammerenden toon.</p>
-<p>En Meg begon weer:</p>
-<div class="lgouter">
-<p class="line">&ldquo;&ldquo;Mijn God, mijn Vader, als ik dwaal,</p>
-<p class="line">Ver weg, langs &rsquo;s levens doornig pad</p>
-<p class="line">Leer mij dan de gelaten taal:</p>
-<p class="line xd26e4289">Uw wil geschiede!&rdquo;&rdquo;</p>
-</div>
-<p><span class="pagenum">[<a id="pb301" href="#pb301" name="pb301">301</a>]</span></p>
-<p>&ldquo;Dat is voor oude menschen,&rdquo; zeide de matte, zangerige
-stem. &ldquo;Hij kan niet verwachten, dat ik dit zal zeggen!&rdquo;</p>
-<p>Toen herinnerde Meg zich het schoonste van alle gezangen, en zeide
-het eerste en het laatste couplet zonder een oogenblik te haperen,
-op:</p>
-<div class="lgouter">
-<div class="lg">
-<p class="line">&ldquo;&ldquo;Verlaat mij niet, snel valt de
-avondstonde,</p>
-<p class="line">De duisternis groeit aan; o Heer, verlaat mij niet.</p>
-<p class="line">Als andre hulp ontbreekt, en alle bijstand vliedt,</p>
-<p class="line">Helper der hulploozen, mijn God, verlaat mij niet!</p>
-</div>
-<div class="lg">
-<p class="line">Houd Gij Uw kruisbeeld voor mijn brekend oog,</p>
-<p class="line">Schijn door de duisternis, en richt mijn oog ten
-hemel!</p>
-<p class="line">De dageraad breekt aan, en &rsquo;t ijdele aardrijk
-vliedt</p>
-<p class="line">In leven en in dood, o Heer, verlaat mij
-niet!&rdquo;</p>
-</div>
-</div>
-<p class="first">&ldquo;O, en Judy, liefste, wij vergeten, dat moeder
-in den hemel is, Judy je zult niet alleen zijn! Herinner je je moeders
-oogen niet, mijn kleine Judy?&rdquo;</p>
-<p>Judy werd kalm, en steeds kalmer. Zij sloot de oogen, zoodat zij de
-toenemende duisternis niet bespeuren kon.</p>
-<p>Megs armen waren om haar heen geslagen, Megs wang was tegen haar
-voorhoofd gevlijd, <span class="pagenum">[<a id="pb302" href="#pb302"
-name="pb302">302</a>]</span>Nell hield hare handen vast, Baby hare
-voeten, Bunby&rsquo;s lippen waren op hare lokken. Zoo gingen zij met
-haar recht op de Groote Vallei af, waar zelfs geen licht is voor
-aarzelende kindervoeten.</p>
-<p>De schaduwen waren koud, en legden zich kil om hunne harten; zij
-konden den wind van de onbekende wateren op hunne voorhoofden voelen;
-maar alleen zij, die op het punt stond naar genen oever over te steken,
-hoorde het zachte geklots der golven.</p>
-<p>Juist toen het water hare voeten bespoelde vertoonde zich eene
-gestalte in de deur.</p>
-<p>&ldquo;Judy!&rdquo; riep eene smartelijke stem, en Pip duwde hen op
-zijde en viel naast haar neer.</p>
-<p>&ldquo;Judy, Judy, Judy!&rdquo;</p>
-<p>Het licht flikkerde nog eens op in hare oogen. Zij kuste hem
-eenmaal, tweemaal met hare bleeke lippen; zij gaf hem hare beide
-handen, en haar laatsten glimlach.</p>
-<p>Toen streek de wind over hen allen, en, met eene plotselinge
-rilling, ging zij heen. <span class="pagenum">[<a id="pb303" href="#pb303" name="pb303">303</a>]</span></p>
-</div>
-</div>
-<div id="ch22" class="div1 chapter"><span class="pagenum">[<a href="#xd26e438">Inhoud</a>]</span>
-<div class="divHead">
-<div class="figure p303width"><img src="images/p303.jpg" alt="&ldquo;Een mooi groen grasveld met een klein bloembed.&rdquo;" width="491" height="344">
-<p class="figureHead">&ldquo;Een mooi groen grasveld met een klein
-bloembed.&rdquo;</p>
-</div>
-<h2 class="label">HOOFDSTUK XXII.</h2>
-<h2 class="main">HET LAATSTE HOOFDSTUK.</h2>
-</div>
-<div class="divBody">
-<div class="lgouter">
-<div class="lg">
-<p class="line">&ldquo;Zij scheen voor &rsquo;t verdergaan des
-tijds</p>
-<p class="line">Een wezen, niet bestand.&rdquo;</p>
-</div>
-<div class="lg">
-<p class="line">&ldquo;Zij heeft nu geen gevoel, geen kracht,</p>
-<p class="line">Zij hoort, noch ziet nu meer;</p>
-<p class="line">Maar wordt nu door de aardsche kracht</p>
-<p class="line">Al draaiende in &rsquo;t rond gebracht</p>
-<p class="line">Met boom en rots en steen.&rdquo;</p>
-</div>
-</div>
-<p class="first">Zij gingen weer naar huis, zes kinderen, en Esther,
-die voortaan ernstiger zou zijn, daar zij den prijs, die voor het leven
-van haar kleinen, <span class="pagenum">[<a id="pb304" href="#pb304"
-name="pb304">304</a>]</span>aangebeden zoon betaald was, nimmer zou
-kunnen vergeten. De lucht van Yarrahappini scheen als een zware last op
-hen te drukken.</p>
-<p>Toen dus de kapitein, die ijlings uit Sydney vertrokken was om zijn
-arm klein meisje nog voor het laatst te zien, vraagde of zij liever
-naar huis zouden willen gaan, antwoordden zij allen:
-&ldquo;Ja!&rdquo;</p>
-<p>Er was een groen grasveld op den top van een heuvel achter het
-woonhuis, en een groep acacia&rsquo;s, nu donkergroen, maar teeder
-getint en bevallig in het voorjaar.</p>
-<p>Daar legden zij kleine Judy neer. Om het grasperk liet Mr. Hassal
-hooge, witte palen zetten; het grafje bevond zich aan den kant der
-boomen.</p>
-<p>De plek geleek op een klein kerkhof in een kinderland, waar er maar
-&eacute;&eacute;n gestorven was.</p>
-<p>Of op een mooi groen veld, met een klein bed.</p>
-<p>Meg was verheugd, dat de verhevenheid naar het oosten gekeerd was;
-de zon zonk achter haar weg&mdash;zoolang zij leefde kon zij niet meer
-naar de oranje en gele en purperen tinten zien, die bij zonsondergang
-den hemel kunnen kleuren. Maar <span class="pagenum">[<a id="pb305"
-href="#pb305" name="pb305">305</a>]</span>ver in het oosten steeg de
-zon in stille majesteit op, en het licht kwam langzaam naar den
-heuveltop in teeder rose en trillend blauw en lichtend grijs, maar
-nooit in harde, gele vlammen, die heete tranen in de oogen doen
-springen.</p>
-<p>Toen zij Judy&rsquo;s rustplaats op den laatsten dag vaarwel zeiden,
-werd deze kalm en liefelijk door den maan beschenen.</p>
-<p>Allen plukten eenige halmpjes van de versche zoden, en gingen toen
-heen. Niemand schreide, de kalme witheid der maan, de bleeke, stralende
-sterren, de matte wind, die door de takken ruischte, hielden hunne
-tranen terug tot zij het hek achter zich gesloten en haar op den
-stillen heuveltop alleen gelaten hadden.</p>
-<p>Zij gingen terug naar Misrule, een ieder om den levensdraad weer op
-te nemen, en het weefsel voort te zetten, waaraan, God zij dank, moet
-worden gewerkt, want anders zouden dagelijks de harten breken.</p>
-<p>Meg was ouder geworden; zij zou nooit meer z&oacute;&oacute; jong
-zijn als zij was, voor die roode zonsondergang zijn beeld in haar hart
-grifde. <span class="pagenum">[<a id="pb306" href="#pb306" name="pb306">306</a>]</span></p>
-<p>In hare oogen was een dieper licht gekomen; zulke tranen, als zij
-geweend had, verhelderen het oog, tot het leven eene duidelijker, meer
-omvattende beteekenis krijgt.</p>
-<p>Nellie en zij gingen den eersten Zondag na hunne terugkomst naar de
-kerk. Aldith zat een paar banken verder, wuft als altijd, gekleed in
-een kleurig toiletje, en coquet glimlachend naar de bank der
-Courtney&rsquo;s kijkend, en naar de Graham&rsquo;s, die vlak achter
-dezen zaten.</p>
-<p>Wat was Meg van haar vervreemd! Het scheen jaren geleden, dat zij al
-hare aandacht aan den laatsten smaak voor hoeden gewijd had, aan den
-snit van eene robe cloche en de beste methode om de handen blank te
-maken. Jaren geleden, dat zij schuchtere pogingen had gedaan om zich
-met flirten te vermaken. Jaren geleden, bijna, dat zij op Yarrahappini
-het blauwe lint gegeven had, dat een grooteren invloed had dan zij ooit
-vermoedde.</p>
-<p>Alan keek naar haar van uit zijne bank&mdash;naar de kleine gestalte
-in het treurige zwart der rouw, naar de vlecht, die het glanzende haar
-<span class="pagenum">[<a id="pb307" href="#pb307" name="pb307">307</a>]</span>samenvatte, maar welker eind niet meer gekruld
-was, naar den zwaarmoedigen trek om de jonge lippen, den ernst der
-blauwe oogen. Hij kon het zich bijna niet voorstellen, dat dit
-hetzelfde onnadenkende meisje was, die den brief geschreven had, en
-door de duisternis was komen sluipen om zijn weinig galanten jongeren
-broeder te ontmoeten. Hij nam hare hand in de zijne, toen de kerk uit
-was; zijne grijze oogen, die plotseling vochtig werden, vulden door hun
-warmen blik de enkele woorden van deelneming aan, die hij stamelend
-uitsprak.</p>
-<p>&ldquo;Laten wij altijd vrienden blijven, Miss Meg!&rdquo; zeide
-hij, toen zij bij het hek van Misrule afscheid namen.</p>
-<p>&ldquo;Gaarne!&rdquo; antwoordde Meg.</p>
-<p>En deze hartelijke, oprechte vriendschap werd van schoone beteekenis
-in hun beider leven, zij steunde Meg en maakte den jongen man
-zachter.</p>
-<p>Pip werd weer vroolijk en opgeruimd als vroeger, zooals het ook den
-jongen met het gevoeligste hart gaan zal, dank zij zijne jeugd; maar
-somtijds kreeg hij plotseling een aanval van <span class="pagenum">[<a id="pb308" href="#pb308" name="pb308">308</a>]</span>zwaarmoedigheid, en dan verdween hij, er zich
-niet om bekommerende, of een spel cricket of voetbal in vollen gang
-was, of wel hij stond van tafel op, als het rumoer het hevigst was.</p>
-<p>Bunby vertoonde aan de wereld een even morsig gezicht als vroeger,
-en handen die zelfs nog smeriger waren, want in hem had zich in den
-laatsten tijd eene neiging tot het machinevak geopenbaard, en in zijn
-vrijen tijd maakte hij drukpersen&mdash;of wat daarvoor moest
-doorgaan&mdash;en vreeswekkende en wonderbaarlijke machines, van een
-oude kachel en eenige potten en roestige pannen, die hij voor het lot
-weggeworpen te worden, gered had.</p>
-<p>Maar hij vertelde nu niet meer zooveel leugentjes, de ondergaande
-zon had zelfs in zijn jong hart een straal geworpen, en wanneer hij op
-het punt was te zeggen: &ldquo;Ik niet, ik ben het niet geweest, het
-was niet mijne schuld!&rdquo; dan verrees een rijkdom van donkere
-krullen voor zijn oog, juist zooals hij ze dien avond had uitgespreid
-gezien, toen hij zijne blikken er niet van af had durven wenden.
-<span class="pagenum">[<a id="pb309" href="#pb309" name="pb309">309</a>]</span></p>
-<p>Hare beenen waren op het oogenblik een der hoofdonderwerpen van
-Baby&rsquo;s gedachten, want zij was juist van korte kousjes tot lange
-gepromoveerd, en allen, die zich deze gebeurtenis in hun eigen leven
-herinneren, zullen begrijpen hoe gewichtig zij voor haar was.</p>
-<p>Nell scheen iederen dag mooier te worden. Pip had de handen vol met
-zijne pogingen om haar voor inbeelding te behoeden; wanneer
-broederlijke op- en aanmerkingen iets kunnen baten, dan moet zij wel
-altijd even nederig van zich zelf gedacht hebben, als wanneer zij
-vuurrood haar en een hemelwaarts strevenden neus gehad had.</p>
-<p>Esther zeide, dat zij wenschte ergens een paar jaren te kunnen
-koopen, een ernstig uiterlijk en groote hoeveelheden
-waardigheid&mdash;dan zou er eenige kans zijn, dat Misrule eindelijk
-bij zijn deftigen doopnaam &ldquo;Rivierzicht&rdquo; genoemd werd.</p>
-<p>Maar vreemd genoeg scheen niemand met dien wensch in te stemmen.</p>
-<p>De kapitein rookte nooit meer zijn sigaar in de veranda op zijde van
-het huis; het slecht onderhouden grasveld deed hem altijd denken aan
-<span class="pagenum">[<a id="pb310" href="#pb310" name="pb310">310</a>]</span>eene kleine gestalte in een rose japonnetje met
-een gedeukten hoed, die in het blakerende zonlicht stond te maaien.
-Judy&rsquo;s dood deed hem zijne zes overblijvende kinderen dierbaarder
-zijn dan ooit, maar hun zijne genegenheid op hartelijker wijze toonen
-dan vroeger&mdash;daartoe kon hij toch niet komen.</p>
-<p>De Generaal werd iederen dag aardiger en liever. Het is geene
-overdrijving, wanneer ik zeg, dat zij allen dit kleine wezentje in
-zijne koninklijke jonkheid aanbaden, want het leven was hem tweemaal
-geschonken geworden, en de tweede maal was het Judy&rsquo;s gave, en
-daarom onschatbaar.</p>
-<p>Mijne pen heeft zich moeielijk en langzaam bewogen onder het
-schrijven van deze twee laatste hoofdstukken; zij weigert licht en vrij
-over het papier te glijden, en dus zal ik haar, uit vrees u anders
-treurig te stemmen, ter zijde leggen.</p>
-<p>Een ander maal, als dit u welkom zou zijn, zal ik u gaarne van mijne
-kleine Australiërs verder vertellen, een gering aantal jaren
-overspringend.</p>
-<p>Tot dien tijd, vaarwel en tot weerziens!</p>
-</div>
-</div>
-</div>
-<div class="back">
-<div class="transcribernote">
-<h2 class="main">Colofon</h2>
-<h3 class="main">Verbeteringen</h3>
-<p>De volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:</p>
-<table class="correctiontable" summary="Overzicht van verbeteringen aangebracht in de tekst.">
-<tr>
-<th>Bladzijde</th>
-<th>Bron</th>
-<th>Verbetering</th>
-<th>Bewerkingsafstand</th>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e801">22</a></td>
-<td class="width40 bottom">z&iuml;ch</td>
-<td class="width40 bottom">zich</td>
-<td class="bottom">1 / 0</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e948">31</a></td>
-<td class="width40 bottom">dicimale</td>
-<td class="width40 bottom">decimale</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1006">35</a></td>
-<td class="width40 bottom">onthoofde</td>
-<td class="width40 bottom">onthoofdde</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1078">40</a></td>
-<td class="width40 bottom">fox-terrier</td>
-<td class="width40 bottom">fox-terriër</td>
-<td class="bottom">1 / 0</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1145">47</a></td>
-<td class="width40 bottom">verdient</td>
-<td class="width40 bottom">verdiend</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1158">48</a>,
-<a class="pageref" href="#xd26e1515">79</a></td>
-<td class="width40 bottom">[<i>Niet in bron</i>]</td>
-<td class="width40 bottom">&rdquo;</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1273">58</a></td>
-<td class="width40 bottom">onvergeworpen</td>
-<td class="width40 bottom">omvergeworpen</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1330">63</a></td>
-<td class="width40 bottom">ge-gestoken</td>
-<td class="width40 bottom">gestoken</td>
-<td class="bottom">3</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1385">67</a>,
-<a class="pageref" href="#xd26e1445">72</a>, <a class="pageref" href="#xd26e1867">109</a></td>
-<td class="width40 bottom">[<i>Niet in bron</i>]</td>
-<td class="width40 bottom">.</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1420">70</a></td>
-<td class="width40 bottom">spar, telen</td>
-<td class="width40 bottom">spartelen</td>
-<td class="bottom">2</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1484">76</a></td>
-<td class="width40 bottom">gemoord</td>
-<td class="width40 bottom">gesmoord</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1510">79</a></td>
-<td class="width40 bottom">lievelings pony</td>
-<td class="width40 bottom">lievelingspony</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1520">79</a></td>
-<td class="width40 bottom">,</td>
-<td class="width40 bottom">.</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1535">80</a></td>
-<td class="width40 bottom">schitterde</td>
-<td class="width40 bottom">schitterden</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1603">86</a></td>
-<td class="width40 bottom">wandedelen</td>
-<td class="width40 bottom">wandelen</td>
-<td class="bottom">2</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1666">91</a>,
-<a class="pageref" href="#xd26e1823">106</a></td>
-<td class="width40 bottom">[<i>Niet in bron</i>]</td>
-<td class="width40 bottom">,</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1690">93</a></td>
-<td class="width40 bottom">&rsquo;</td>
-<td class="width40 bottom">&rdquo;</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1703">94</a>,
-<a class="pageref" href="#xd26e1792">103</a></td>
-<td class="width40 bottom">vindt</td>
-<td class="width40 bottom">vind</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1711">94</a></td>
-<td class="width40 bottom">pensoontje</td>
-<td class="width40 bottom">persoontje</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e1818">106</a></td>
-<td class="width40 bottom">en, en</td>
-<td class="width40 bottom">en</td>
-<td class="bottom">4</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2087">128</a></td>
-<td class="width40 bottom">miss</td>
-<td class="width40 bottom">Miss</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2110">130</a></td>
-<td class="width40 bottom">;</td>
-<td class="width40 bottom">:</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2202">137</a></td>
-<td class="width40 bottom">was</td>
-<td class="width40 bottom">wat</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2282">143</a></td>
-<td class="width40 bottom">slechts</td>
-<td class="width40 bottom">slecht</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2293">144</a></td>
-<td class="width40 bottom">[<i>Niet in bron</i>]</td>
-<td class="width40 bottom">mijn</td>
-<td class="bottom">5</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2342">148</a></td>
-<td class="width40 bottom">Courntney&rsquo;s</td>
-<td class="width40 bottom">Courtney&rsquo;s</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2378">152</a></td>
-<td class="width40 bottom">aiblijven</td>
-<td class="width40 bottom">afblijven</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2766">183</a></td>
-<td class="width40 bottom">onmiddelijk</td>
-<td class="width40 bottom">onmiddellijk</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2773">183</a></td>
-<td class="width40 bottom">c-c-criketbal</td>
-<td class="width40 bottom">c-c-cricketbal</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2780">183</a></td>
-<td class="width40 bottom">crickretbal</td>
-<td class="width40 bottom">cricketbal</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2949">198</a></td>
-<td class="width40 bottom">gëimproviseerde</td>
-<td class="width40 bottom">ge&iuml;mproviseerde</td>
-<td class="bottom">2 / 0</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e2961">199</a></td>
-<td class="width40 bottom">zei</td>
-<td class="width40 bottom">zij</td>
-<td class="bottom">2</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e3184">218</a></td>
-<td class="width40 bottom">bovenkleerjes</td>
-<td class="width40 bottom">bovenkleertjes</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e3326">230</a></td>
-<td class="width40 bottom">zonzeschijn</td>
-<td class="width40 bottom">zonneschijn</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e3335">231</a></td>
-<td class="width40 bottom">.</td>
-<td class="width40 bottom">,</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e3365">234</a></td>
-<td class="width40 bottom">noemde</td>
-<td class="width40 bottom">noemden</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e3387">235</a></td>
-<td class="width40 bottom">Moris</td>
-<td class="width40 bottom">Morris</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e3459">242</a></td>
-<td class="width40 bottom">YARRIHAPPINI</td>
-<td class="width40 bottom">YARRAHAPPINI</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e3518">246</a></td>
-<td class="width40 bottom">vanwaar</td>
-<td class="width40 bottom">van waar</td>
-<td class="bottom">1</td>
-</tr>
-<tr>
-<td class="width20"><a class="pageref" href="#xd26e3791">268</a></td>
-<td class="width40 bottom">gëillustreerde</td>
-<td class="width40 bottom">ge&iuml;llustreerde</td>
-<td class="bottom">2 / 0</td>
-</tr>
-</table>
-</div>
-</div>
-
-
-
-
-
-
-
-<pre>
-
-
-
-
-
-End of Project Gutenberg's Zeven kleine Australiërs, by Ethel Turner
-
-*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ZEVEN KLEINE AUSTRALIËRS ***
-
-***** This file should be named 55794-h.htm or 55794-h.zip *****
-This and all associated files of various formats will be found in:
- http://www.gutenberg.org/5/5/7/9/55794/
-
-Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
-Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project
-Gutenberg.
-
-Updated editions will replace the previous one--the old editions will
-be renamed.
-
-Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright
-law means that no one owns a United States copyright in these works,
-so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the United
-States without permission and without paying copyright
-royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part
-of this license, apply to copying and distributing Project
-Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm
-concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark,
-and may not be used if you charge for the eBooks, unless you receive
-specific permission. If you do not charge anything for copies of this
-eBook, complying with the rules is very easy. You may use this eBook
-for nearly any purpose such as creation of derivative works, reports,
-performances and research. They may be modified and printed and given
-away--you may do practically ANYTHING in the United States with eBooks
-not protected by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the
-trademark license, especially commercial redistribution.
-
-START: FULL LICENSE
-
-THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
-PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
-
-To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
-distribution of electronic works, by using or distributing this work
-(or any other work associated in any way with the phrase "Project
-Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full
-Project Gutenberg-tm License available with this file or online at
-www.gutenberg.org/license.
-
-Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project
-Gutenberg-tm electronic works
-
-1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
-electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
-and accept all the terms of this license and intellectual property
-(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
-the terms of this agreement, you must cease using and return or
-destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your
-possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a
-Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound
-by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the
-person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph
-1.E.8.
-
-1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
-used on or associated in any way with an electronic work by people who
-agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
-things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
-even without complying with the full terms of this agreement. See
-paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
-Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this
-agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm
-electronic works. See paragraph 1.E below.
-
-1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the
-Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection
-of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual
-works in the collection are in the public domain in the United
-States. If an individual work is unprotected by copyright law in the
-United States and you are located in the United States, we do not
-claim a right to prevent you from copying, distributing, performing,
-displaying or creating derivative works based on the work as long as
-all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope
-that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting
-free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm
-works in compliance with the terms of this agreement for keeping the
-Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily
-comply with the terms of this agreement by keeping this work in the
-same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when
-you share it without charge with others.
-
-1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
-what you can do with this work. Copyright laws in most countries are
-in a constant state of change. If you are outside the United States,
-check the laws of your country in addition to the terms of this
-agreement before downloading, copying, displaying, performing,
-distributing or creating derivative works based on this work or any
-other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no
-representations concerning the copyright status of any work in any
-country outside the United States.
-
-1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
-
-1.E.1. The following sentence, with active links to, or other
-immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear
-prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work
-on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the
-phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed,
-performed, viewed, copied or distributed:
-
- This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and
- most other parts of the world at no cost and with almost no
- restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it
- under the terms of the Project Gutenberg License included with this
- eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the
- United States, you'll have to check the laws of the country where you
- are located before using this ebook.
-
-1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is
-derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not
-contain a notice indicating that it is posted with permission of the
-copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in
-the United States without paying any fees or charges. If you are
-redistributing or providing access to a work with the phrase "Project
-Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply
-either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or
-obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm
-trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
-with the permission of the copyright holder, your use and distribution
-must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any
-additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms
-will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works
-posted with the permission of the copyright holder found at the
-beginning of this work.
-
-1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
-License terms from this work, or any files containing a part of this
-work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
-
-1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
-electronic work, or any part of this electronic work, without
-prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
-active links or immediate access to the full terms of the Project
-Gutenberg-tm License.
-
-1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
-compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including
-any word processing or hypertext form. However, if you provide access
-to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format
-other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official
-version posted on the official Project Gutenberg-tm web site
-(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense
-to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means
-of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain
-Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the
-full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1.
-
-1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
-performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
-unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
-access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works
-provided that
-
-* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
- the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
- you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed
- to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has
- agreed to donate royalties under this paragraph to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid
- within 60 days following each date on which you prepare (or are
- legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty
- payments should be clearly marked as such and sent to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in
- Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg
- Literary Archive Foundation."
-
-* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
- you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
- does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
- License. You must require such a user to return or destroy all
- copies of the works possessed in a physical medium and discontinue
- all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm
- works.
-
-* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of
- any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
- electronic work is discovered and reported to you within 90 days of
- receipt of the work.
-
-* You comply with all other terms of this agreement for free
- distribution of Project Gutenberg-tm works.
-
-1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project
-Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than
-are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing
-from both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and The
-Project Gutenberg Trademark LLC, the owner of the Project Gutenberg-tm
-trademark. Contact the Foundation as set forth in Section 3 below.
-
-1.F.
-
-1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
-effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
-works not protected by U.S. copyright law in creating the Project
-Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm
-electronic works, and the medium on which they may be stored, may
-contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate
-or corrupt data, transcription errors, a copyright or other
-intellectual property infringement, a defective or damaged disk or
-other medium, a computer virus, or computer codes that damage or
-cannot be read by your equipment.
-
-1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
-of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
-Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
-Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
-liability to you for damages, costs and expenses, including legal
-fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
-LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
-PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
-TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
-LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
-INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
-DAMAGE.
-
-1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
-defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
-receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
-written explanation to the person you received the work from. If you
-received the work on a physical medium, you must return the medium
-with your written explanation. The person or entity that provided you
-with the defective work may elect to provide a replacement copy in
-lieu of a refund. If you received the work electronically, the person
-or entity providing it to you may choose to give you a second
-opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If
-the second copy is also defective, you may demand a refund in writing
-without further opportunities to fix the problem.
-
-1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
-in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO
-OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT
-LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
-
-1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
-warranties or the exclusion or limitation of certain types of
-damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement
-violates the law of the state applicable to this agreement, the
-agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or
-limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or
-unenforceability of any provision of this agreement shall not void the
-remaining provisions.
-
-1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
-trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
-providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in
-accordance with this agreement, and any volunteers associated with the
-production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm
-electronic works, harmless from all liability, costs and expenses,
-including legal fees, that arise directly or indirectly from any of
-the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this
-or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or
-additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any
-Defect you cause.
-
-Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
-
-Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
-electronic works in formats readable by the widest variety of
-computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It
-exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations
-from people in all walks of life.
-
-Volunteers and financial support to provide volunteers with the
-assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
-goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
-remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
-and permanent future for Project Gutenberg-tm and future
-generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see
-Sections 3 and 4 and the Foundation information page at
-www.gutenberg.org
-
-
-
-Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
-
-The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
-501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
-state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
-Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
-number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by
-U.S. federal laws and your state's laws.
-
-The Foundation's principal office is in Fairbanks, Alaska, with the
-mailing address: PO Box 750175, Fairbanks, AK 99775, but its
-volunteers and employees are scattered throughout numerous
-locations. Its business office is located at 809 North 1500 West, Salt
-Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up to
-date contact information can be found at the Foundation's web site and
-official page at www.gutenberg.org/contact
-
-For additional contact information:
-
- Dr. Gregory B. Newby
- Chief Executive and Director
- gbnewby@pglaf.org
-
-Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
-Literary Archive Foundation
-
-Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
-spread public support and donations to carry out its mission of
-increasing the number of public domain and licensed works that can be
-freely distributed in machine readable form accessible by the widest
-array of equipment including outdated equipment. Many small donations
-($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
-status with the IRS.
-
-The Foundation is committed to complying with the laws regulating
-charities and charitable donations in all 50 states of the United
-States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
-considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
-with these requirements. We do not solicit donations in locations
-where we have not received written confirmation of compliance. To SEND
-DONATIONS or determine the status of compliance for any particular
-state visit www.gutenberg.org/donate
-
-While we cannot and do not solicit contributions from states where we
-have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
-against accepting unsolicited donations from donors in such states who
-approach us with offers to donate.
-
-International donations are gratefully accepted, but we cannot make
-any statements concerning tax treatment of donations received from
-outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
-
-Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
-methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
-ways including checks, online payments and credit card donations. To
-donate, please visit: www.gutenberg.org/donate
-
-Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works.
-
-Professor Michael S. Hart was the originator of the Project
-Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be
-freely shared with anyone. For forty years, he produced and
-distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of
-volunteer support.
-
-Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
-editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in
-the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not
-necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper
-edition.
-
-Most people start at our Web site which has the main PG search
-facility: www.gutenberg.org
-
-This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
-including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
-subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
-
-
-
-</pre>
-
-</body>
-</html>
diff --git a/old/55794-h/images/back.jpg b/old/55794-h/images/back.jpg
deleted file mode 100644
index b92bd54..0000000
--- a/old/55794-h/images/back.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/cover.jpg b/old/55794-h/images/cover.jpg
deleted file mode 100644
index ac83c23..0000000
--- a/old/55794-h/images/cover.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/frontispiece.jpg b/old/55794-h/images/frontispiece.jpg
deleted file mode 100644
index bd06639..0000000
--- a/old/55794-h/images/frontispiece.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o013.png b/old/55794-h/images/o013.png
deleted file mode 100644
index 844153a..0000000
--- a/old/55794-h/images/o013.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o023.png b/old/55794-h/images/o023.png
deleted file mode 100644
index 4ac9635..0000000
--- a/old/55794-h/images/o023.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o048.png b/old/55794-h/images/o048.png
deleted file mode 100644
index f9568c3..0000000
--- a/old/55794-h/images/o048.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o095.png b/old/55794-h/images/o095.png
deleted file mode 100644
index 94221f6..0000000
--- a/old/55794-h/images/o095.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o130.png b/old/55794-h/images/o130.png
deleted file mode 100644
index 2d177fa..0000000
--- a/old/55794-h/images/o130.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o137.png b/old/55794-h/images/o137.png
deleted file mode 100644
index d485246..0000000
--- a/old/55794-h/images/o137.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o186.png b/old/55794-h/images/o186.png
deleted file mode 100644
index abe1c73..0000000
--- a/old/55794-h/images/o186.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o201.png b/old/55794-h/images/o201.png
deleted file mode 100644
index 639ef8b..0000000
--- a/old/55794-h/images/o201.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o213.png b/old/55794-h/images/o213.png
deleted file mode 100644
index 7516531..0000000
--- a/old/55794-h/images/o213.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/o286.png b/old/55794-h/images/o286.png
deleted file mode 100644
index cc99e72..0000000
--- a/old/55794-h/images/o286.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/ornament-bottom.png b/old/55794-h/images/ornament-bottom.png
deleted file mode 100644
index bdce511..0000000
--- a/old/55794-h/images/ornament-bottom.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/ornament-top.png b/old/55794-h/images/ornament-top.png
deleted file mode 100644
index b7f560a..0000000
--- a/old/55794-h/images/ornament-top.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/ornaments.png b/old/55794-h/images/ornaments.png
deleted file mode 100644
index 197ecfa..0000000
--- a/old/55794-h/images/ornaments.png
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p001.jpg b/old/55794-h/images/p001.jpg
deleted file mode 100644
index 3f2a9c9..0000000
--- a/old/55794-h/images/p001.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p014.jpg b/old/55794-h/images/p014.jpg
deleted file mode 100644
index ca57daa..0000000
--- a/old/55794-h/images/p014.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p024.jpg b/old/55794-h/images/p024.jpg
deleted file mode 100644
index 9e3a743..0000000
--- a/old/55794-h/images/p024.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p049.jpg b/old/55794-h/images/p049.jpg
deleted file mode 100644
index 7bb341d..0000000
--- a/old/55794-h/images/p049.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p070.jpg b/old/55794-h/images/p070.jpg
deleted file mode 100644
index 0438856..0000000
--- a/old/55794-h/images/p070.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p074.jpg b/old/55794-h/images/p074.jpg
deleted file mode 100644
index 35a893b..0000000
--- a/old/55794-h/images/p074.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p082.jpg b/old/55794-h/images/p082.jpg
deleted file mode 100644
index 68c9eee..0000000
--- a/old/55794-h/images/p082.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p096.jpg b/old/55794-h/images/p096.jpg
deleted file mode 100644
index da576fb..0000000
--- a/old/55794-h/images/p096.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p119.jpg b/old/55794-h/images/p119.jpg
deleted file mode 100644
index ba92205..0000000
--- a/old/55794-h/images/p119.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p131.jpg b/old/55794-h/images/p131.jpg
deleted file mode 100644
index 1cfdf78..0000000
--- a/old/55794-h/images/p131.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p138.jpg b/old/55794-h/images/p138.jpg
deleted file mode 100644
index 1316d2b..0000000
--- a/old/55794-h/images/p138.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p159.jpg b/old/55794-h/images/p159.jpg
deleted file mode 100644
index 09c7cad..0000000
--- a/old/55794-h/images/p159.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p172.jpg b/old/55794-h/images/p172.jpg
deleted file mode 100644
index 62fd8fe..0000000
--- a/old/55794-h/images/p172.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p187.jpg b/old/55794-h/images/p187.jpg
deleted file mode 100644
index 2d1778b..0000000
--- a/old/55794-h/images/p187.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p202.jpg b/old/55794-h/images/p202.jpg
deleted file mode 100644
index e535992..0000000
--- a/old/55794-h/images/p202.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p214.jpg b/old/55794-h/images/p214.jpg
deleted file mode 100644
index 1b8b2d6..0000000
--- a/old/55794-h/images/p214.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p230.jpg b/old/55794-h/images/p230.jpg
deleted file mode 100644
index 75b67b9..0000000
--- a/old/55794-h/images/p230.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p242.jpg b/old/55794-h/images/p242.jpg
deleted file mode 100644
index 15439c5..0000000
--- a/old/55794-h/images/p242.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p254.jpg b/old/55794-h/images/p254.jpg
deleted file mode 100644
index 11d8acc..0000000
--- a/old/55794-h/images/p254.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p272.jpg b/old/55794-h/images/p272.jpg
deleted file mode 100644
index a509c50..0000000
--- a/old/55794-h/images/p272.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p286.jpg b/old/55794-h/images/p286.jpg
deleted file mode 100644
index 090e49f..0000000
--- a/old/55794-h/images/p286.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p290.jpg b/old/55794-h/images/p290.jpg
deleted file mode 100644
index c8c1274..0000000
--- a/old/55794-h/images/p290.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p295.jpg b/old/55794-h/images/p295.jpg
deleted file mode 100644
index 857fcb9..0000000
--- a/old/55794-h/images/p295.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/p303.jpg b/old/55794-h/images/p303.jpg
deleted file mode 100644
index 0ef74c1..0000000
--- a/old/55794-h/images/p303.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/spine.jpg b/old/55794-h/images/spine.jpg
deleted file mode 100644
index ccae49d..0000000
--- a/old/55794-h/images/spine.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/55794-h/images/titlepage.jpg b/old/55794-h/images/titlepage.jpg
deleted file mode 100644
index b87042c..0000000
--- a/old/55794-h/images/titlepage.jpg
+++ /dev/null
Binary files differ
diff --git a/old/old/55794-8.txt b/old/old/55794-8.txt
deleted file mode 100644
index eea2ec9..0000000
--- a/old/old/55794-8.txt
+++ /dev/null
@@ -1,7041 +0,0 @@
-The Project Gutenberg EBook of Zeven kleine Australiërs, by Ethel Turner
-
-This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and most
-other parts of the world at no cost and with almost no restrictions
-whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of
-the Project Gutenberg License included with this eBook or online at
-www.gutenberg.org. If you are not located in the United States, you'll have
-to check the laws of the country where you are located before using this ebook.
-
-Title: Zeven kleine Australiërs
-
-Author: Ethel Turner
-
-Illustrator: A. J. Johnson
-
-Translator: Marie ten Brink
-
-Release Date: October 22, 2017 [EBook #55794]
-
-Language: Dutch
-
-Character set encoding: ISO-8859-1
-
-*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ZEVEN KLEINE AUSTRALIËRS ***
-
-
-
-
-Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
-Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project
-Gutenberg.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
- ETHEL TURNER
-
- ZEVEN KLEINE AUSTRALIËRS
-
- Naar den 3en druk uit het Engelsch bewerkt
-
- DOOR
-
- MARIE TEN BRINK
-
- Geïllustreerd door A. J. Johnson
-
-
-
- GOUDA
-
- G. B. van GOOR ZONEN
-
-
-
-
-
-
-
-
-
- AAN
-
- MIJNE MOEDER.
-
-
- E. S. Turner,
- Lindfield, Sydney.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-INHOUD.
-
-
- Bladz.
-
- EEN WOORD VOORAF XI
-
- HOOFDSTUK I.
-
- HOOFDZAKELIJK BESCHRIJVEND 1
-
- HOOFDSTUK II.
-
- GEBRADEN KIP 14
-
- HOOFDSTUK III.
-
- DE DEUGD WORDT NIET ALTIJD BELOOND 24
-
- HOOFDSTUK IV.
-
- DE GENERAAL IN DE KAZERNE 49
-
- HOOFDSTUK V.
-
- AANSTAANDEN MAANDAGMORGEN 72
-
- HOOFDSTUK VI.
-
- HOE SCHOON IS DE LEEFTIJD VAN ZESTIEN JAAR! 82
-
- HOOFDSTUK VII.
-
- "WAT ZEGT GE VAN EEN VERLIEFD HART?" 96
-
- HOOFDSTUK VIII.
-
- EEN CATAPULT EN EENE CATASTROPHE 119
-
- HOOFDSTUK IX.
-
- GEVOLGEN 131
-
- HOOFDSTUK X.
-
- BUNBY ALS HELD 138
-
- HOOFDSTUK XI.
-
- EENE VLUCHTELING 159
-
- HOOFDSTUK XII.
-
- ZWIEP, ZWIEP! 172
-
- HOOFDSTUK XIII.
-
- ONGENOODE GASTEN 187
-
- HOOFDSTUK XIV.
-
- DE UITNOODIGING VAN DEN SQUATTER 202
-
- HOOFDSTUK XV.
-
- DRIEHONDERD MIJLEN IN DEN TREIN 214
-
- HOOFDSTUK XVI.
-
- YARRAHAPPINI 230
-
- HOOFDSTUK XVII.
-
- DE KUDDEN VAN YARRAHAPPINI 242
-
- HOOFDSTUK XVIII.
-
- DE PICNIC TE KRANGI-BAHTOO 254
-
- HOOFDSTUK XIX.
-
- EEN LICHTBLAUW HAARLINT 272
-
- HOOFDSTUK XX.
-
- JUDY 284
-
- HOOFDSTUK XXI.
-
- TOEN DE ZON ONDERGING 295
-
- HOOFDSTUK XXII.
-
- HET LAATSTE HOOFDSTUK 303
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-EEN WOORD VOORAF.
-
-
-"Seven little Australians" heeft Miss Ethel Turner het boek
-genoemd, dat thans in Nederlandsche vertaling verschijnt. "Zeven
-kleine Australiërs" heb ik dus boven het verhaal geschreven, dat de
-geschiedenis bevat der kinderen van den bij Sidney wonenden kapitein
-Woolcot.
-
-Steeds verdiept onze jeugd zich nog gaarne in het aangenaam, frisch
-geschreven verhaal "Helen's Kleintjes", en zouden er wel vele jonge
-meisjes bij ons gevonden worden, die niet heerlijke uren hadden
-doorgebracht met het lezen van Louise Alcott's boeken? Welnu,
-aan allen, die in dergelijke lectuur genoegen scheppen, draag ik de
-"Zeven kleine Australiërs" op.
-
-Trouwens, dat men in Engeland dezelfde opvatting van Miss Turner's
-wijze van schrijven heeft, bewijst hetgeen een Londensch blad, The
-Queen zegt:
-
-.... "het is bestemd om de harten van jong en oud te winnen evenals
-"Helen's Babies" ze won", en wat de Westminster Gazette schrijft:
-
-"Miss Turner is op weg om voor Australië en dan voor de wereld in
-het algemeen datgene te worden, wat de schrijfster van "Little Women"
-gedurende eenige geslachten voor Amerika was, en voor kinderen zoowel
-als voor volwassenen over de geheele wereld. "Seven little Australians"
-is zulk een allerliefst verhaal, dat wij met vreugde het vervolg hierop
-"The Family at Misrule" begroeten. Het zijn weer de "zeven", en meer
-dan ooit worden wij geboeid door hunne guitenstreken en afdwalingen
-en hunne goede daden. Wij kennen geen opwekkender, gezonder lectuur
-dan deze."
-
-Miss Ethel Turner heeft dus een vervolg op haar "Seven little
-Australians" geschreven, en voor al wie de geschiedenis van Meg, het
-droomerige, zestienjarige meisje in wie zoovele goede eigenschappen
-sluimeren; van Pip, haar flinken broeder; van Judy, wier dood door
-zelfopoffering men niet dan met groote aandoening kan lezen; van
-Nellie, van den zwakken, helaas dikwijls onoprechten Bunby, van Baby en
-van den steeds vroolijken jongste, den "Generaal" met belangstelling
-heeft gelezen, zal dit eene welkome tijding zijn. Weldra zal ook dit
-vervolg in het Nederlandsch het licht zien.
-
-Ten slotte nog eenige aanhalingen uit beoordeelingen der Engelsche
-pers: The Standard zegt van Miss Turner's eerste werk:
-
-"De bekoorlijkheid van dit boek bestaat in zijn eenvoudigen, gepasten
-stijl, in de afwisseling van ernst en luim. Wij aarzelen niet het de
-eerste plaats onder de nieuw uitgekomen boeken te geven."
-
-In de Graphic leest men, dat het is:
-
-"Een treffend beeld uit het kinderleven."
-
-The Sketch zegt van Miss Turner:
-
-"Zij heeft een ongeëvenaard succes met haar allerliefst verhaal uit
-het kinderleven: "Seven little Australians" behaald. Het boek heeft
-in Australië een buitengewonen opgang gemaakt, en heeft in Engeland
-de warme bewondering van verscheidene uitstekende letterkundigen
-verworven."
-
-Moge Miss Turner's boek in Nederland een even goed onthaal vinden
-als in Australië en Engeland.
-
-
- Marie ten Brink.
-
- Leiden.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK I.
-
-HOOFDZAKELIJK BESCHRIJVEND.
-
-
-Alvorens gij u in deze geschiedenis gaat verdiepen, zou ik u eerst
-even willen waarschuwen.
-
-Wanneer ge u verbeeldt, dat ge zult lezen van modelkinderen, met
-misschien een er tusschen, die neiging toont, om wel eens ondeugend
-te zijn, alleen om eene leerrijke tegenstelling te vormen, dan
-doet gij beter met dit boek dadelijk op zijde te leggen en u in de
-"Geschiedenis van den Braven Hendrik" of een dergelijk standaardwerk
-voor de jeugd te verdiepen. Geen enkele van de zeven is volmaakt braaf,
-wegens de zeer goede reden, dat Australische kinderen dit nooit zijn.
-
-In Engeland, in Amerika, in Afrika, in Azië, mag het jonge volkje
-toonbeelden van deugd zijn, ik weet er weinig van.
-
-Maar in Australië is een modelkind--ik zeg het niet zonder
-dankbaarheid--een onbekend verschijnsel.
-
-Het is mogelijk, dat de miasmen van de ondeugendheid zich het best in
-onze van zonnegloed doortintelde, zuivere atmospheer ontwikkelen. Het
-is mogelijk, dat land en volk gelijkelijk jong van hart zijn, en er
-geen schaduw op het gemoedsleven der kinderen geworpen wordt door de
-treurige geschiedenis van lang vervlogen jaren.
-
-Er is hier eene smeulende vonk van vroolijkheid en verzet en kwaad
-in de natuur, en daarom ook in de kinderen.
-
-Dikwijls wordt het licht dof en de schitterende tinten verwelken
-tot onzijdige kleuren in het stof en de hitte van den dag. Maar als
-deze oproerige neiging gedurende vrije dagen en schooldagen blijft
-aanhouden, dan beslissen de omstandigheden alleen er over of de
-electrische vonk de weerbarstigen tot allerlei ongerechtigheden zal
-aanzetten, of de harten zal verwarmen van de moedige, eenvoudige,
-oprechte menschen die alléén Australië kunnen "groot maken".
-
-Maar genoeg hierover. Laat mij u vertellen van mijne zeven uitgelezen
-kinderen. Op dit oogenblik zullen zij thee gaan drinken met een
-minimum van comfort en een maximum van rumoer, dus, wanneer gij een
-oorverdoovend geraas van stemmen en een onharmonisch gerinkel met
-kopjes en schotels kunt velen, zal ik u mede naar binnen nemen en
-hen aan u voorstellen.
-
-Het theeuurtje der kinderen is meer eene Engelsche dan
-eene Australische instelling; er heerscht hier bij ons een
-vriendschappelijke geest onder ouders en kinderen, en eene volkomen
-afwezigheid van onderdanigheid aan den kant der laatsten. Zelfs in
-de voornaamste families gebeurt het zelden, dat de ouders in eenzame
-plechtstatigheid een maal gebruiken, terwijl de kinderen in eene andere
-kamer thee zonder veel meer wordt voorgezet: zij plaatsen zich allen
-om dezelfde tafel, en de kinderen bedienen zich van de schotels,
-die voor allen bestemd zijn, en handhaven krachtig hun recht, aan
-het gesprek deel te nemen.
-
-Maar, wanneer nu de vader zeer lastig en min of meer prikkelbaar
-is, en zijne zeven kinderen uitstekende longen en onvermoeibare
-tongetjes hebben, is het dan niet het beste, dat elk der partijen
-eene afzonderlijke kamer heeft om de maaltijden te gebruiken?
-
-Kapitein Woolcot, de vader, had, in overeenstemming met deze scheiding,
-het dikke vilt over de vleugeldeur boven laten aanbrengen, maar het
-rumoer kwam desniettegenstaande onbezorgd in een stroom van vroolijke
-klanken naar beneden, naar de eetkamer.
-
-Het vertrek, waar de kinderen zich ophielden, was buitendien eene
-kinderkamer zonder kinderjuffrouw, en dit verklaart ten deele
-dezen toestand. Meg, de oudste, was eerst zestien; van haar kon
-men redelijkerwijze niet verwachten, dat zij veel ontzag inboezemde,
-buitendien had het slordige maar goedhartige meisje, op wie de plichten
-van kinderjuffrouw en kamermeisje rustten, zooveel te doen in deze
-laatste hoedanigheid, dat de eerste er aanmerkelijk onder leed. Zij
-zorgde voor de maaltijden der kinderen, wanneer geen der kleine meisjes
-te vinden was om haar te helpen, en de kleertjes van de twee jongsten
-knoopte zij 's morgens dicht, maar behalve dit moesten al de kinderen
-maar zien zich zelf te helpen.
-
-En de moeder? zult ge vragen.
-
-O, zij was niet ouder dan twintig--net een vroolijk, jong meisje,
-die zij allen aanbaden, en die maar heel weinig deftiger en maar
-weinig meer van een huismoedertje had dan Meg. Alleen de jongste van
-het troepje was haar kind, maar zij scheen evenveel van de andere
-zes te houden, en behandelde den jongste meer alsof het een grappig
-klein poesje dan een heusche levende baby was, en haar eigen kindje.
-
-Het is waar dat op Misrule--dit is de naam waaronder het huis in de
-wandeling bekend was, hoewel ik geloof dat er een andere boven het
-balkon geschilderd stond--scheen deze baby een speelpopje voor een
-ieder te zijn. De kapitein begon gewoonlijk te lachen, als hij hem zag,
-hief hem hoog in de lucht, en gaf hem dan snel aan een ander over.
-
-De kinderen sleepten hem overal mede heen, lieten hem ontelbare malen
-vallen, vergaten zijn jasje op vochtige dagen, stopten hem goed in
-als het warm was, gaven hem de vreemdsoortigste dingen te eten,
-en toch was hij de gezondste, aardigste, tevredenste kleine man,
-die ooit op een klein dik duimpje gezogen heeft.
-
-Ook noemde men hem nooit "baby"; dit was de bijzondere naam van op
-één na het jongste. Kapitein Woolcot had gezegd: "Wel zoo, is dat
-de generaal?" toen het kleine, roode, staroogende wezentje in zijne
-armen werd gelegd, en deze naam was in dagelijksch gebruik gekomen,
-ofschoon ik geloof, dat de dominee bij de doopplechtigheid zoo iets
-gezegd heeft van Francis Rupert Burnand Woolcot.
-
-Baby was vier, en was een zacht klein dik meisje, met lieve vleiende
-maniertjes, groote glimlachende oogjes en lipjes, die tot kussen
-noodigden, als zij tenminste niet bedekt waren met jam.
-
-Had zij niet eene soort van liefhebberij gehad, om den Generaal aan het
-schreien te maken, dan was zij bijna een modelkind geweest. Ontelbare
-malen was zij overvallen, terwijl zij bezig was zijn arme kleine
-borst in te drukken om hem te laten "piepen", terwijl zij in zijne
-kleine armpjes kneep of aan zijn onschuldigen neus rukte, alleen maar
-om het vreemde genot te hebben van de wanhoopskreten te hooren, die
-hij dan dadelijk uitstootte. Kapitein Woolcot schreef de oorzaak van
-deze zonderlinge neiging aan het feit toe, dat het kind eens een log
-wollen lammetje gehad had, aan hetwelk het stevigste drukken alleen
-maar een zeer flauw piepend geluid had kunnen ontlokken: hij zeide,
-dat het niet anders dan natuurlijk was dat zij, nu zij iets had,
-dat zich zoo gemakkelijk indrukken liet, dit ook daarvoor gebruikte.
-
-Bunby was zes, en was dik en lui. Hij vond in het veld staan bij het
-cricketspel afschuwelijk, hij verfoeide zelfs het woord paardjespelen,
-en als er sprake was van eene boodschap, wel, eer iemand nog gereed
-was met te zeggen, dat hij dit of dat gaarne gehaald had, was Bunby
-reeds lang verdwenen. Hij was klein voor zijn leeftijd en ik geloof
-niet, dat iemand hem ooit gezien heeft met een schoon gelaat. Zelfs
-in de kerk was alleen dat gedeelte, dat juist naar den dominee gekeerd
-was, tamelijk schoon, maar de menschen in de banken achter hem hadden
-altijd een ongestoord gezicht op de zwarte grens, die de spons niet
-overschreden had.
-
-De volgende van de rij--ik klim, zooals ge ziet, van beneden naar
-boven--was het "pronkjuweel" der Woolcots, zooals Pip, de oudste
-jongen, zeide. Ge hebt wel eens op Kerstmiskaartjes, die engeltjes met
-ideale kindergezichten gezien? Ik denk, dat de teekenaar juist van Nell
-gedroomd had, en toen zijn visioen onvolkomen heeft weergegeven. Zij
-was tien, was slank en sierlijk als een elfje, had goudachtig haar,
-dat in wonderschoone golven en krullen langs haar gezichtje hing,
-zachte lichtbruine oogen en een rozeknopje van een mondje. Zij had
-volstrekt geen eigendunk, daar zorgden haar broertjes en zusjes wel
-voor,--Pip zou zulk eene neiging in hare eerste uiting onderdrukt
-hebben,--maar toch, als er een mooi lintje over was, of een lap fraai
-gekleurde stof juist groot genoeg voor een klein jurkje, dàn was het
-als eene van zelf sprekende zaak voor haar.
-
-Judy was slechts drie jaar ouder, maar vormde met haar het grootst
-mogelijke contrast. Nellie was in al hare bewegingen langzaam,
-en kon in iedere houding een waardig model voor een schilderijtje
-zijn. Judy was, geloof ik, nog nooit wandelend gezien, en zag er
-zelden teekenachtig uit. Wanneer zij niet als eene dwaze naar de
-plek toe stormde, die zij wenschte te bereiken, dan ging zij er al
-springende, dansende en huppelende heen. Zij was zeer mager, zooals
-gewoonlijk kinderen en menschen, die kwikzilver in plaats van bloed
-in hunne aderen hebben; zij had een klein, levendig, sproetig gezicht
-met schitterende donkere oogen, een kleinen, vastberaden mond, en
-een overvloed van woest, krullend donker haar, dat de plaag van haar
-leven was.
-
-Zonder twijfel was zij de lastigste van de zeven kinderen,
-waarschijnlijk omdat zij de schranderste was. Hare vernuftige invallen
-brachten hen allen telkens in verlegenheid, zij nam bedaard de schuld
-van alles op zich, en menigmaal gebeurde het, dat de andere kinderen
-haar stormachtig verweten, hen tot het een of ander kattekwaad
-aangezet te hebben. Zij was "Helen" gedoopt geworden, dat in geenen
-deele verantwoordelijk is voor "Judy" [1], maar kan men bijnamen
-eigenlijk wel voor iets verantwoordelijk stellen? Bunby zeide,
-dat zij zoo genoemd werd, omdat zij altijd haar bovenlijf voor- en
-achterover wierp en met hare armen en beenen zwaaide als de beroemde
-vrouw van Punch; daar mag wel iets van aan geweest zijn. Haar andere
-naam "Fizz" is gemakkelijker te begrijpen; Pip placht te zeggen,
-dat hij nog nooit gemberbier gezien had dat bruisend en borrelend
-half zooveel leven maakte als Judy.
-
-Pip heb ik nog niet aan u voorgesteld, is het wel? Hij geleek een
-weinig op Judy, maar was knapper en grooter, en hij was veertien
-jaar, en had even goed zijne eigen meening, en koesterde eene even
-groote geringschatting voor meisjes, als jongens van zijn leeftijd
-dit gewoonlijk doen.
-
-Meg was de oudste van de familie, en had eene mooie lange vlecht
-waaraan Bunby met het grootste genoegen kon trekken, een zacht,
-droomerig gezichtje, dat geheel bedekt was met kleine, niet leelijke
-sproeten, waarover zij menigmaal van dezen en genen iets moest hooren.
-
-Door de leden van het gezin werd algemeen geloofd, dat zij gedichten
-en verhalen schreef, en zelfs een dagboek hield, maar niemand had
-ooit een spoor van hare papieren gezien, zoo zorgvuldig hield zij ze
-in haar ouden blikken hoedendoos weggesloten. Hadt gij hen naar hun
-vader gevraagd, dan zouden zij u allen met grooten trots geantwoord
-hebben, dat hij "een militair" en door zijne bezigheden niet vaak
-thuis te vinden was. Hij begreep niets van kinderen, en was altijd
-aan het brommen over het rumoer dat zij maakten en het geld, dat
-zij kostten. Toch geloof ik, dat hij wel wat trotsch was op Pip en
-soms, als Nellie aardig aangekleed was, nam hij haar met zich mede
-in zijn dogcart.
-
-Hij had, toen hij zijn jong vrouwtje zijne woning binnenleidde, haar
-voorgesteld, hen alle zes naar eene kostschool te zenden, maar zij
-had daar niets van willen hooren.
-
-Eerst hadden zij geprobeerd in de kazerne te wonen, maar na eenigen
-tijd werd in het officierskwartier een ieders verontwaardiging gewekt
-door de guitenstreken van "die ongezeggelijke kinderen", en dus nam
-kapitein Woolcot een huis buiten de stad, aan de Parramatta gelegen,
-en bracht zijn gezin in eene bitter booze stemming daarheen.
-
-De kinderen vonden de verandering verrukkelijk, want er was eene groote
-wildernis als tuin, twee of drie grasvelden, ontelbare donkere hoekjes
-waarin men zich kon verbergen bij het verstoppertje spelen, en, het
-beste van alles, de rivier. Hun vader hield drie mooie paarden, een
-in de kazerne en een rijpaard en een goed koetspaard op Misrule; en
-de kinderen--niet dat zij dit anders zouden gewenscht hebben--liepen
-in afgedragen kleeren, waar hunne ellebogen doorheen keken, en op
-oude schoenen. Zij werden onderwezen--allen behalve Pip, die naar de
-Latijnsche school ging--door eene gouvernante van den derden rang,
-die dagelijks bij hen kwam, en altijd in doodelijken angst leefde,
-dat hare onwetendheid door hare leerlingen zou ontdekt worden. Als
-van zelf spreekt, hadden zij haar reeds lang doorzien, maar deze
-toestand strookte volkomen met hunne neiging, om niet te veel tot
-werken aangezet te worden, en vooral niet te veel te moeten leeren,
-en dus zwegen zij hierover met de grootste nauwgezetheid.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK II.
-
-GEBRADEN KIP.
-
-
-Ik hoop, dat ge nog niet geheel doof zijt geworden, want hoewel
-wij gereed zijn met voorstellen, is het theedrinken nog lang niet
-afgeloopen, en dus moeten wij nog een poosje in de kinderkamer
-blijven. Gedurende al den tijd, dat ik gepraat heb, is Pip aan het
-brommen geweest, omdat er niets bijzonders was. Het is waar, dat de
-tafel er niet zeer aanlokkelijk uitzag: het servet scheen er maar op
-goed geluk over heen geworpen, de kopjes en schotels waren gebarsten
-en beschadigd, de thee zeer slap, en er was niets om te eten dan dikke
-boterhammen. Toch was alles als gewoonlijk, en ieder scheen verbaasd
-over Pip's ontboezeming.
-
-"Vader en Esther" (zij noemden hunne jonge stiefmoeder allen bij haar
-voornaam) "hebben gebraden gevogelte, drie groenten, en vier soorten
-pudding," zeide hij boos; "het is wat moois!"
-
-"Maar wij hebben om één uur ons middageten gehad, Pip, en voor jou
-is als gewoonlijk eten bewaard," zeide Meg, terwijl zij bij de thee
-die zij schonk, met kwistige hand warm water en suiker voegde.
-
-"Schapenvleesch en wortelen en rijstpudding!" antwoordde haar broeder
-verdrietig: "Waarom krijgen wij geen gebraden gevogelte en vlade
-en dessert?"
-
-"Ja, waarom krijgen wij daar niets van?" klonk als echo de stem van
-de kleine gulzige Bunby, terwijl zijne oogen begonnen te schitteren.
-
-"Wat zou er dan veel moeten zijn voor ons allen!" zeide Meg, blijmoedig
-het mes in het groote brood zettende.
-
-"Wij zijn maar kinderen--laten wij dankbaar zijn voor deze heerlijke
-dikke boterhammen en dezen overvloed van zachte boter!" zeide Judy,
-met een wijs gezichtje.
-
-Pip schoof zijn stoel van de tafel af.
-
-"Ik ga naar beneden en vraag om een stukje kip!" zeide hij met een
-vastberaden blik. "Ik ruik nog den geheelen tijd den heerlijken geur
-er van, en er staat een massa op de tafel, ik heb het door een kier
-van de deur gezien."
-
-Hij nam zijn bord, liep naar beneden, en kwam weldra, tot een ieders
-verwondering, met eene groote portie terug.
-
-"Hij kon mij niet best afschepen," grinnikte hij. "Kolonel Bryant is
-ten eten; maar hij keek wel een beetje woedend,--hier, Fizz, ik zal
-met je deelen."
-
-Judy schoof haar bord gretig bij, toen haar dit ongewoon grootmoedige
-aanbod gedaan werd, en ontving een heel klein stukje, een vijfde deel,
-met groote dankbaarheid.
-
-"Ik houd zoo bijzonder veel van kip!" zeide Nell smachtend. "Ik heb
-grooten lust om naar beneden te gaan en om een boutje te vragen--ik
-geloof, dat hij het mij wel zal geven."
-
-Deze oneerbiedige kinderen zeiden, zooals ge reeds zult gemerkt hebben,
-van hun vader sprekende altijd "hij."
-
-"Ja, doe dat!" zeide Pip, en er schitterde iets in zijne oogen.
-
-Nell nam een ander bord, en vertrok langzaam naar de lagere
-gewesten. Zij liep de eetkamer binnen onmiddellijk achter het
-dienstmeisje, en stond naast haar vader, haar bord achter zich houdend.
-
-"Wel, kleine meid, wil je mij niet een handje geven? Hoe heet
-je?" zeide kolonel Bryant, en klopte haar vriendelijk op de wang.
-
-Nell keek op met een schuwen, lieftalligen blik.
-
-"Elinor Woolcot, maar iedereen noemt mij Nell," zeide zij, en stak
-hare linker hand uit, daar de rechter het bord vasthield.
-
-"Wel Nell, zijn dat nu manieren!" sprak haar vader lachend, maar hij
-zag haar een oogenblik ontevreden aan. "Waar is je rechter hand?"
-
-Zij nam haar arm langzaam van haar rug weg en toonde het oude,
-gebarsten bord. "Ik dacht, dat u mij misschien ook een stukje kip
-zou willen geven," zeide zij,--"met een pootje of een vleugel of een
-stukje wit vleesch zou ik al blij zijn."
-
-De kapitein fronste zijn voorhoofd. "Wat beduidt dat! Pip is zooeven
-ook hier geweest. Hebben jelui niets te eten in de kinderkamer?"
-
-"Alleen heel dikke boterhammen!" zuchtte Nellie. Esther onderdrukte
-met moeite een glimlach.
-
-"Maar jelui hebt je middageten gehad om één uur!"
-
-"Schapenvleesch en wortelen en rijstpudding!" zeide Nellie treurig.
-
-Kapitein Woolcot nam bijna toornig een kippebout en legde hem op
-haar bord.
-
-"Ga nu heen! Ik begrijp niet, wat jelui beiden van avond hebt!"
-
-Nellie was reeds bij de deur gekomen, en keerde toen weer terug.
-
-"Zou u mij niet een vleugel voor Meg willen geven? Judy heeft wat
-van Pip gekregen, maar Meg heeft niets!" zeide zij, met zulk een
-smeekenden, ongelukkigen blik, dat kolonel Bryant er geheel door
-getroffen werd.
-
-Haar vader beet zich op de lip, hakte met onheilspellend stilzwijgen
-een vleugel af, en legde dien op haar bord.
-
-"Nu, ga nu heen, en laat ik verder geen last meer van je hebben,
-lieve kind!" De laatste woorden werden met groote zelfbeheersching
-uitgesproken. Nell's verschijning in de kinderkamer met twee porties
-kip werd met uitbundige juichkreten begroet. Meg was opgetogen over
-haar deel, sneed een stukje er af voor Baby, en het maal werd vroolijk
-voortgezet.
-
-"Waar is Bunby?" zeide Nell opeens, met een zeer schoon afgekluifd
-beentje tusschen haar vingers, "ik hoop toch maar, dat hij ook niet
-naar beneden gegaan is; ik geloof heusch, dat vader het toch niet
-aardig vond, vooral omdat die vreemde man er bij was."
-
-Maar deze kleine heer had dat werkelijk gedaan, en kwam, geheel uit
-het veld geslagen terug.
-
-"Hij wilde mij niets geven,--hij zeide mij, dat ik weg moest gaan,
-en die vreemde man lachte, en Esther zeide, dat wij heel ondeugend
-waren,--maar ik heb toch een paar gebakken aardappels van de tafel
-buiten de deur kunnen nemen."
-
-Hij opende zijne vuile handjes en liet de onsmakelijke lekkernij op
-het servet vallen.
-
-"Bunby, je bent een kleine vuilpoets," zuchtte Meg, terwijl zij van
-haar boek opzag. Zij las altijd gedurende de maaltijden, en van het
-verhaal, waar zij nu aan bezig was, waren een paar hoogst beschaafde,
-uiterst elegante jonge meisjes de heldinnen.
-
-"Je bent zelf een vuilpoets! Jelui hebt allemaal kip gehad behalve ik,
-akelige kinderen!" antwoordde Bunby kribbig, en at met groote haast
-zijne aardappels op.
-
-"Neen de Generaal heeft niets gehad!" zeide Judy, en uit hare donkere
-oogen keek met eene plotselinge flikkering al hare oude ondeugendheid.
-
-"Nu, nu Judy!" zeide Meg waarschuwend; zij wist maar al te goed wat
-die flikkering beduidde.
-
-"O, ik zal je geen kwaad doen, lieve oudste zuster!" zeide mejuffrouw
-Judy, terwijl zij door de kamer danste en in het voorbijgaan Meg een
-tikje op het hoofd gaf. "Ik wilde alleen maar zorgen, dat die arme
-kleine Generaal ook een beetje plezier heeft!"
-
-Zij tilde hem uit zijne hoogen stoel, waarin hij aan de tafel gegeten
-had, hard op het blad slaande met een lepel, en suiker etende in
-de tusschenpoozen.
-
-"Nu zal je eens wat beleven, mijn Generaaltje!" zeide zij; en sprong
-met hem naar de deur.
-
-"O, Judy, wat ga je nu beginnen?" riep Meg klagend.
-
-"Ju-Ju!" kraaide de Generaal, terwijl hij bijna uit Judy's armen gleed,
-en hem een voorgevoel van pret doorstraalde.
-
-Zij gingen de trap af, de andere vijf hen achterna om vooral niets te
-verliezen, van wat er gebeuren zou. Judy ging met hem op de onderste
-trede zitten.
-
-"Houdt mijn kleine vent wel van kippen, lieve kippetjes?" zeide
-zij arglistig.
-
-"Kip, kip! Kip, kip!" stootte hij uit, en keek om zich heen, of hij
-zijne vriendjes niet ontdekte.
-
-"Vadertje heeft er eene heele menigte, zóóveel," zeide Judy, en zij
-spreidde hare armen wijd uit, om een denkbeeld te geven van het aantal,
-dat in haar vaders bezit was. "Ga ze maar eens gauw zoeken!"
-
-"Kip, kip!" riep de Generaal verrukt, terwijl het hem eindelijk
-gelukte, op den grond te springen, "kip, kip zoeken!"
-
-"Ga maar naar binnen!" fluisterde Judy, hem een duwtje gevende,
-zoodat hij in de half geopende deur der eetkamer te staan kwam;
-"vraag maar aan vader!"
-
-Het kind kwam midden door de kamer op zijne dikke, onvaste beentjes
-aangedribbeld.
-
-"Zijn de kinderen van avond allemaal niet wijs, Esther?" zeide de
-kapitein, toen zijn jongste zoon zich woest aan zijn been vastklemde
-en beproefde, omhoog te klimmen.
-
-Hij keek in het kleine, vuile, ronde gezichtje. "Wel Generaal,
-waaraan hebben wij de eer van jou tegenwoordigheid te danken?"
-
-"Kip, kip, kip, kip!" riep de Generaal. Hij wierp zich op handen en
-voeten, en begon kruipende te zoeken naar de gevederde lievelingen,
-die volgens Judy's zeggen hier moesten zijn.
-
-Maar Esther nam de lieve, kleine booswicht met het vuile gezichtje op,
-en bracht hem, hoewel hij stevig tegenspartelde, buiten de kamer. Bij
-de trap gekomen struikelde zij bijna over de rest van het troepje.
-
-"O, jelui ondeugende kinderen, jelui stoute, lastige kinderen!" zeide
-zij, terwijl zij de hand uitstrekte om hen om de ooren te geven,
-en natuurlijk niemand raakte.
-
-Zij ging even op de benedenste trede zitten, om één oogenblik te
-schaterlachen, daarop gaf zij den Generaal aan Pip over.
-
-"Morgen," zeide zij, opstaande en haastig het zware haar glad
-strijkende, waarin de handjes van den Generaal gewoeld hadden,
-"morgen krijgen jelui allemaal met den bezemsteel!"
-
-Zij zagen den sleep van hare geel zijden japon weer in de eetkamer
-verdwijnen, en gingen langzaam naar de kinderkamer terug, om verder
-thee te drinken.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK III.
-
-DE DEUGD WORDT NIET ALTIJD BELOOND.
-
-
-Het was niet waarschijnlijk, dat zulk eene gebeurtenis zonder gevolgen
-voorbij zou gaan, maar aan den anderen kant is het ook weer moeielijk,
-zeven kinderen tegelijk te straffen. Eerst had Kapitein Woolcot aan
-Esther opgedragen om Miss Marsh, de gouvernante, te zeggen, dat zij
-hen allen tien Fransche werkwoorden moest laten leeren; maar, hierin
-had Judy gelijk, de Generaal en Baby en Bunby en Nell waren nog niet
-zoo ver, dat zij eenig begrip hadden van Fransche werkwoorden, en dus
-zou zulk eene straf niet doeltreffend zijn. Het vonnis was dus tot nu
-toe nog niet geveld, en een ieder bevond zich in een onbehagelijken
-toestand van angstige, drukkende spanning.
-
-"Jelui vader zegt, dat jelui schandelijk ondeugend bent!" zeide de
-jonge stiefmoeder langzaam, toen zij een dag later in de kinderkamer in
-een schommelstoel zat. Zij droeg eene morgenjapon van witte mousseline
-met kersrood lint, maar op eene of twee plaatsen deed een speld dienst
-voor een knoop en de kant van den sleep was hier en daar afgetrapt.
-
-"Meg, je ziet er vreeselijk slordig uit, en Judy moest zich schamen,
-zoo voor den dag te durven komen!"
-
-Meg was gekleed in een slecht zittende, groen kasjmiren japon,
-waarvan de ellebogen versleten en het peluche op verscheidene plaatsen
-losgetornd was, terwijl Judy's vreeselijk nauw en verlept rose zephyr
-kleedje overal scheuren had, en de kleur nauwelijks meer te zien was
-van de vruchtenvlekken.
-
-Meg bloosde even. "Ik weet het wel, Esther, en ik zou ook wel graag
-mooi gekleed willen zijn, maar het is heusch niet de moeite waard,
-om die oude japon nog te maken."
-
-Zij nam het boek over de elegante jonge dames, dat hare tevreden
-stemming dreigde te verstoren, weer op, en ging er mede naar den
-armstoel.
-
-"Judy, jij gaat die scheuren maken en zet knoopen aan je lijfje!" sprak
-Esther met ongewone vastheid.
-
-Judy's oogen glinsterden en schitterden.
-
-"Is dat een dolk, wat ik voor mij zie, en is 't gevest naar mijne hand
-gekeerd?" zeide zij onbeschaamd, greep een van de spelden van Esther's
-japon, bevestigde hem aan haar eigen kleedje, en maakte eene buiging.
-
-Esther kleurde nu toch even.
-
-"Dat doet de Generaal, Judy! Hij trekt altijd aan mijne knoopen,
-als ik met hem speel! Maar, daar had ik haast wat vergeten. Kinderen,
-ik heb slecht nieuws voor jelui!"
-
-Er ontstond eene ademlooze stilte. Allen schaarden zich om haar heen.
-
-"Het vonnis is geveld!" zeide Judy pathetisch: "laten wij ons de
-haren afsnijden en boetgewaden aantrekken!"
-
-"Jelui vader zegt, dat hij zulk een gedrag niet ongestraft kan laten,
-en omdat jelui gisteren buitengewoon lastig geweest zijn, zullen
-jelui allen--"
-
-"Worden weggesleept en opgehangen!"
-
-"Wees stil, Judy! Ik verzeker je, dat ik voor jelui gepleit heb,
-maar dit ontstemde hem nog meer. Hij zegt, dat jelui de slordigste,
-bandelooste kinderen zijn van geheel Sidney, en hij zal jelui iederen
-keer straffen, als je iets ondeugends doet, en--"
-
-"Daar zal geween zijn en knarsing der tanden."
-
-"Ach, houd toch je mond, Judy! Wij kunnen immers niets verstaan!"
-
-Pip legde zijne hand op haar mond en hield haar bij de haren vast,
-terwijl Esther hare mededeeling deed.
-
-"Geen een van jelui gaat naar de pantomime. Er waren plaatsen genomen
-voor Donderdagavond, en nu zullen jelui allen thuis moeten blijven."
-
-Gedurende een minuut of twee weerklonk een luid gejammer. Zij
-hadden zich bijna een maand lang op dezen uitgang verheugd, en de
-teleurstelling was voor hen allen zeer groot.
-
-"O, Esther, dat is te erg! Alle jongens van school zijn er al
-geweest!" Pip's aardige gezicht werd rood van spijt. "En dat voor
-zoo'n kleinigheid!"
-
-"Alleen, omdat er gebraden kip voor het diner was!" zeide Judy, met
-half verstikte stem. "O, Esther, waarom was er geen rundvleesch,
-of paardevleesch of hippopotamusvleesch--of wat ook, als het maar
-geen gebraden kip was?"
-
-"Zou je hem niet kunnen bepraten, Esther?" Meg keek angstig naar haar.
-
-"Lieve Esther, probeer het!"
-
-"Ja, lieve, beste Esther, probeer het!"
-
-Zij klemden zich allen aan haar vast. Baby sloeg hare armen om haar
-hals en deed haar bijna stikken; Nell streelde hare wang; Pip klopte
-haar op den rug, en smeekte haar een lieve meid te zijn; Bunby
-begroef zijn neus in haar zwart haar en weende eene stille traan;
-Meg sloeg hare handen in een aanval van mistroostigheid ineen; de
-Generaal stootte eene serie van verrukte gilletjes uit; en Judy in
-hare wanhoop kuste hem dat het klapte.
-
-Esther zou haar best doen, smeeken, als zij nog nooit gesmeekt
-had, vleien, bedelen, volhouden, dreigen; en door deze belofte
-gerustgesteld, lieten zij haar eindelijk gaan.
-
-"Alleen raad ik jelui aan, bovennatuurlijk stil en lief te zijn
-den geheelen dag!" zeide zij omkijkende, toen zij reeds in de gang
-was. "Dat zal den meesten invloed hebben, vooral daar wij den geheelen
-dag thuis zijn."
-
-Lief! Het was werkelijk pijnlijk om de deugdzaamheid dezer kinderen
-gedurende het overige gedeelte van den dag op te merken.
-
-Zij hadden een vrijen middag, en Miss Marsh was er niet, maar geen
-enkel maal kwam het geluid van een twist, of van gelach, of van
-geschrei, naar de lagere gewesten gezweefd.
-
-"Burgers van Rome, de oogen der wereld rusten op u!" had Judy plechtig
-gezegd, en allen hadden beloofd zich zóó te gedragen, dat hun vaders
-hart wel moest vermurwd worden.
-
-Pip trok zijn schooljasje aan, kamde zijn haar, nam een stapel
-schoolboeken, en ging naar de studeerkamer, waar zijn vader brieven
-zat te schrijven, en waar hij altijd zijn werk mocht komen maken.
-
-"Wat wilde je?" vraagde de kapitein terwijl hij zijne wenkbrauwen
-fronste. "Je behoeft mij niet aan te komen met een verzoek om dien
-jongen hond te mogen houden--ik geef je er toch geene toestemming toe."
-
-"Ik kom om te werken, vader!" zeide Pip ootmoedig, "ik voel, dat
-ik wat ten achteren ben met rekenen: daarom wilde ik op mijne vrije
-middagen sommen maken, vooral daar ik u zooveel aan schoolgeld kost."
-
-De kapitein liet een zwakken uitroep hooren, en keek Pip opmerkzaam
-aan; maar het gezicht van den jongen was zoo strak en ernstig, dat
-hij ontwapend werd, en zich heimelijk gelukwenschte, dat zijn oudste
-zoon eindelijk tot inzicht kwam.
-
-"De sommen, die ik gemaakt heb, toen ik op school ging, liggen in dien
-kast!" zeide hij vriendelijk. "Als ze je van eenig nut kunnen zijn,
-dan mag je ze er uit nemen."
-
-"Als het u blieft--zij zullen mij zeker van groot nut zijn!" zeide
-Pip dankbaar.
-
-Hij bladerde in de schriften en op zijn gezicht was duidelijk
-bewondering te lezen.
-
-"Hoe netjes en nauwkeurig werkte u, vader!" zeide hij met een
-zucht. "Ik ben benieuwd of ik het ooit zoo ver zal brengen. Hoe oud
-was u, vader, toen u dit schreef?"
-
-"Ongeveer zoo oud als jij nu!" zeide de kapitein, de papieren in
-zijne hand nemende.
-
-Hij keek ze door met zijn hoofd op één schouder. Hij was min of meer
-trotsch op dit werk, en zag dat hij geheel vergeten was hoe decimale
-breuken uitgewerkt moesten worden, en dat hij, al had hij er zijn leven
-door kunnen redden, geene vierkantsvergelijking meer zou kunnen maken.
-
-"In ieder geval behoeft dit je niet te ontmoedigen, Pip. Ik herinner
-mij wel, dat ik wat rekenen betreft de jongens van mijn leeftijd
-vooruit was. Wij kunnen niet allen in hetzelfde vak uitblinken,
-en ik ben blijde te zien, dat je het gewicht van het leeren begint
-te begrijpen!"
-
-"Ja, vader!"
-
-Meg had zich naar het salon begeven, en was gezeten op den vloer voor
-den muziekkast met schaar, vingerhoed, en eene rol smal blauw lint
-op hare knieën, terwijl alle liederen van haar vader die, zooals hij
-zoo dikwijls met leedwezen zeide, door elkaar raakten en scheurden,
-om haar heen uitgespreid lagen.
-
-Hij zag haar, toen hij de deur voorbij kwam, en keek verbaasd maar
-aangenaam verrast naar binnen.
-
-"Wel, Margaret, dat had mijne muziek hard noodig! Ik ben blij, dat
-je je zelf nuttig kunt maken!"
-
-"Ik doe het gaarne, vader!"
-
-Meg naaide met grooten ijver voort.
-
-Hij ging terug naar zijne studeerkamer, waar hij in een stil,
-afgezonderd hoekje Pips hoofd tusschen pyramiden van boeken en stapels
-papier zag uitsteken. Hij schreef nog twee brieven, en toen werd er
-zacht aan de deur geklopt.
-
-"Binnen!" riep hij, en Nell verscheen.
-
-Zij droeg met groote voorzichtigheid een klein blaadje, waarover
-een sneeuwwit kleedje lag, en waarop een glas melk en een bordje met
-moerbeziën stond. Zij zette het voor hem neer.
-
-"Ik dacht, dat u misschien wel wat zou willen gebruiken, vader!" zeide
-zij met een lief stemmetje; en Pip werd op eens gekweld door een
-hoestbui.
-
-"Mijn liefste kindje!" zeide hij.
-
-Hij keek peinzend naar het blaadje. "Ik heb voor het laatst een glas
-melk gedronken, Nellie, toen ik zoo oud was als Pip, en op school
-ging. Ik ben er onwel van geworden, en sedert dien tijd heb ik nooit
-weer melk geproefd."
-
-"Maar deze zal u geen kwaad doen. U wil deze toch wel opdrinken?"
-
-Zij keek hem met een van haar vriendelijkste blikken aan.
-
-"Ik zou even gaarne het vatenwater uit de keuken willen drinken,
-kindlief!" Hij nam eene moerbezie, at haar, en vertrok het
-gezicht. "Zij zijn niet rijp genoeg om gegeten te worden!"
-
-"Als u er maar eerst een stuk of zes gegeten heeft, merkt u niet
-meer, dat ze zuur zijn!" zeide zij met overtuiging. Maar hij schoof
-ze op zijde.
-
-"Ik wil het gaarne gelooven, als je het zegt." Toen keek hij haar
-onderzoekend aan. "Hoe kwam je op de gedachte mij iets te brengen,
-Nellie? Ik herinner mij niet, dat je ooit vroeger iets dergelijks
-gedaan hebt."
-
-"Ik dacht, dat u wel eetlust zou krijgen, nu u hier zoo druk moet
-zitten schrijven!" zeide zij vriendelijk; en Pip begon weer hevig te
-kuchen, en zij verdween.
-
-Buiten in den blakerenden zonneschijn was Judy bezig het grasperk
-te maaien.
-
-Zij hadden één knecht, en daar diens tijd zeer in beslag werd genomen
-door bezigheden in den stal, kon het niet anders, of de tuin moest
-daaronder lijden. Meer dan eens had de kapitein gezegd, hoe het hem
-hinderde, dat de grasperken er zoo verwaarloosd uitzagen, en dat hij
-zich tegenover bezoekers schaamde.
-
-En dus had Judy, een en al ijver, zich met eene buitengewoon groote
-zeis gewapend, en was tusschen het lange, lange gras ijverig aan
-het werk.
-
-"Lieve hemel, Helen! je zult je de voeten nog afsnijden!" riep haar
-vader verontrust.
-
-Hij verscheen op de veranda aan de voorzijde van het huis om na
-de moerbezie eene lichte sigaar te rooken, juist toen zij met
-een bewonderenswaardigen zwaai haar zeis een halven cirkel deed
-beschrijven, en een geheel leger van geel gehelmde paardebloemen
-onthoofdde.
-
-Zij keek om, en zag hem glimlachend aan.
-
-"O neen, vader!--ik ben een heele bolleboos in het maaien!"
-
-Zij deed een tweeden, niet minder schrikwekkenden, maar krachtigen
-zwaai, en volkomen volgens de regels van de kunst.
-
-"Daar--en daar--en daar!"
-
-Bij het tweede "daar" ging een stuk van hare japon mede, en bij het
-derde stoof een gedeelte van een rozenstruik door de lucht; maar
-natuurlijk, details zijn er altijd!
-
-"Ongelukken kunnen zelfs de beste maaiers overkomen!" zeide zij
-wijsgeerig, en tilde de zeis op tot een nieuwen slag.
-
-"Houd oogenblikkelijk op, Helen! Waarom kan je toch niet rustig met
-je pop spelen, en zulke gekheden nalaten?" zeide haar vader boos.
-
-"En ik deed het nog wel om hem een genoegen te bereiden!" zeide zij,
-oogenschijnlijk tot de paardebloemen sprekend.
-
-"Je kunt wel begrijpen, dat "het hem geen genoegen zal bereiden",
-als hij jou kurken beenen zal moeten geven, en den tuin moet laten
-opknappen," zeide haar vader droog. "Laat dat nu!"
-
-"Het zou wat moois zijn, om het werk halverwege te laten liggen--zou
-het grasperk er niet uitzien als een man, wiens eene wang geschoren
-was?"
-
-Judy sprak somtijds, en ook weer nu, in Iersch dialect, om de eene
-of andere geheimzinnige reden, die haar alleen bekend was.
-
-"En als u nu maar zoo goed zou willen zijn van hier te komen, en
-eens te zien hoe het er mede staat, dan zou het nog wel kunnen zijn,
-dat mijn maaien u niet mishaagt."
-
-De kapitein glimlachte even onder zijn knevel. Het kleine meisje
-zag er zoo komiek uit, zooals zij daar stond in haar oud, kort, rose
-japonnetje, een hoed met beschadigden rand op hare donkere krullen,
-met glinsterende oogen, blozende wangen, de groote zeis in hare handen,
-en de uitdagende woorden op hare lippen.
-
-Hij kwam naar beneden en onderzocht haar werk: het was uitstekend
-gedaan, evenals de meeste dingen die Miss Judy ondernam--met inbegrip
-van kattekwaad, en hare kleine, met zwarte kousen bekleede beenen
-bevonden zich in den besten welstand.
-
-"Nu, je kunt er dan mede voortgaan, vooral daar Pat het druk heeft. Hoe
-heb je leeren maaien, talentvolle jonge dame?"--hij zag haar vragend
-aan.--"En hoe kwam je er toe, je zelve zulk een taak te stellen?"
-
-Judy streek met eene vlugge beweging hare krullen van haar verhit
-voorhoofd.
-
-"Wel, ten eerste, vond ik het noodig, en ten tweede: "houd ik niet
-van u, en is het niet mijn streven, u te behagen?""
-
-Langzaam en in gedachten verdiept ging hij weer het huis binnen. Judy
-was hem altijd een raadsel. Hij begreep haar het minst van al zijne
-kinderen, en somtijds bekommerde hem de gedachte aan haar. Vooralsnog
-was zij niets dan een bijdehand, knap, en dikwijls impertinent kind;
-maar hij gevoelde, dat zij geheel verschillend was van de overige zes,
-en als hij hieraan dacht, wat echter niet zeer dikwijls gebeurde,
-verontrustte hem eene zekere angstige bezorgdheid.
-
-Hij herinnerde zich, dat hare eigen moeder dikwijls gezegd had,
-hoe zij voor Judy's toekomst beefde. Dat rustelooze vuur, dat uit
-hare schitterende oogen flikkerde, eene hoogroode, opgewonden kleur
-op hare wangen te voorschijn riep, en eene verbazende veerkracht
-en bewegelijkheid aan haar jong, klein lichaam verleende, zou van
-haar of eene edele, moedige, schitterende vrouw maken, of zij zou
-schipbreuk lijden op rotsen, die de anderen nooit zouden bereiken,
-en dan zou het vuur hooger en hooger opvlammen, en haar verteeren.
-
-"Pas goed op, Judy!" waren bijna de laatste woorden van de bezorgde
-moeder geweest, toen, in het licht, dat komt als dat van deze wereld
-voor ons verdwijnt, zij met vreeselijke helderheid de steenen en
-struikelblokken op het pad had gezien van dit paar kleine, vlugge
-voeten.
-
-En zij was gestorven, en Judy zocht zich al tastend en struikelend
-haar weg, en haar vader kon niet "op haar passen", omdat hij volstrekt
-niet wist, hoe hij dit zou doen.
-
-Toen hij de trap der veranda weer op ging en de vestibule doorliep,
-vervulde hem de wensch, die bijna de innigheid van eene bede had, dat
-hare natuur niet zoo geheel verschillend van die der anderen ware,
-en gaarne had hij in zich de kracht gevoeld, om dien vreemden geest
-uit haar te bannen, die hem tusschenbeide zoo ongerust maakte.
-
-Hij blies den rook van zijne sigaar in eene groote wolk voor zich uit,
-en zuchtte diep; toen keerde hij zich om, en begaf zich naar den stal
-om alles te vergeten.
-
-De knecht was weg, hij reed een der paarden op het groote grasveld af;
-maar er was een gedruisch in de tuigkamer, en dus ging hij daarbinnen.
-
-Daar stond eene kleine druipende gestalte over een hooge tobbe gebogen,
-die met grooten ijver iets scheen onder te dompelen en uit het water
-te halen.
-
-Bij het geluid van zijne voetstappen, draaide Baby het hoofd om,
-en zag hem met haar guitig klein gezichtje aan.
-
-"Ik wasch de poesjes voor u, en ook Flibberty-Gibbet!" zeide zij
-stralend.
-
-Vol schrik kwam hij eene schrede nader.
-
-Daar zag hij twee katjes, op welke hij bijzonder gesteld was,
-en die trillend, ellendig, tot aan den hals in het zeepsop zaten,
-en Flibberty-Gibbet, de mooie kleine fox-terriër, dien hij juist
-voor zijne vrouw gekocht had, was aan den deurpost vastgebonden,
-ook hij was nat, bevend en in hoogst treurigen toestand, ook hij was
-slachtoffer van deze schoonmaakwoede, en werd geborsteld en gewreven
-tot hem hooren en zien vergingen.
-
-"Zij zijn nu zoo schoon en netjes--en hebben geen vieze vlooien
-meer! Is u niet blij? Flibberty kan u nu gerust op uw bed laten
-springen, en Kitsy Blackeye is--"
-
-De arme Baby eindigde haar zin niet. Zij had later eene verwarde
-herinnering van hetgeen nu volgde, dat hierop neerkwam, dat zij een
-"krachtig woord" van haar vader hoorde, op de meest onvriendelijke
-manier door elkaar geschud en den stal werd uitgezet, terwijl de
-rampzalige dieren gedroogd werden en met de grootste omzichtigheid
-behandeld. Maar het ergste zou nu nog komen, en het resultaat
-beantwoordde zoo weinig aan het doel, dat de jonge Woolcot's het
-besluit namen, nooit weer deugden te willen toonen, die zij niet
-bezaten.
-
-Bunby wenschte natuurlijk ook de goede zaak even hard te bevorderen
-als de anderen, en met dit doel voor oogen was het zijn eerste werk
-naar zijne slaapkamer te gaan, en zijn gezicht, hals en handen een
-grondige reiniging te doen ondergaan. Toen wandelde hij met zijne
-van zeep glimmende wangen en roodgeschuierde handen naar beneden en
-plaatste zich binnen den gezichtskring van zijn vader, in de hoop
-eene goedgunstige opmerking uit te lokken.
-
-Maar hem werd op ongeduldigen toon: "Ga spelen!" toegevoegd, en
-dus begreep hij, dat hij andere middelen moest vinden om zijn vader
-te verteederen.
-
-Hij liep naar de studeerkamer, met het vage plan om de keurig
-gerangschikte stapels boeken op te ruimen, maar Pip zat daar, omringd
-van boeken en bezig met een houtje voor een catapult af te schillen,
-dus ging hij weer heen. Toen klom hij de trap op en verkende zijn
-vaders slaapvertrek en kleedkamer. In de laatste was oneindig veel
-gelegenheid, zijn goeden wil te toonen. Een gala-uniform lag dwars over
-een stoel en het viel Bunby op, dat de gouden knoopen niet zoo blonken
-als zij eigenlijk doen moesten, en dus bracht hij een welbesteed
-kwartier door met ze te poetsen. Daarna wreef hij eenige sporen op;
-de tijd, dien hij hieraan gaf, was natuurlijk even welbesteed. Toen
-keek hij rond naar eene nieuwe bezigheid.
-
-Een geheele kolonie van stoffige laarzen bevond zich in een hoek van
-de kamer, en eene groote flesch met een zwart, strooperig vernis
-stond op den schoorsteenmantel. Bunby werd door het schitterende
-denkbeeld, ze allemaal schoon te maken en netjes op eene rij te
-plaatsen, bezield, in de hoop, dat "de verrukte blikken" van zijn
-vader er op zouden vallen. Hij vond op den vloer een handdoek van
-het fijnste Kamerrijksche linnen, die evenwel gebruikt was, goot er
-een groote plas vernis op en viel op het eerste paar aan.
-
-Een schitterend glanzen beloonde hem, want het vernis was juist
-voor het leder dezer laarzen bestemd; maar het volgende en het
-volgende en het volgende paar wilde niet glimmen, hoe hard hij ook
-wreef. Daar weerklonk een stap op de trap, de vaste, welbekende stap
-van zijn vader, en hij hield een oogenblik op met eene uitdrukking
-van zelfbewuste deugdzaamheid op het kleine tevreden gezicht.
-
-Maar deze uitdrukking verdween, en een doodelijke schrik deed
-Bunby verstijven. Hij had de flesch voor het gemak op een grooten
-armstoel gezet, daar hij op den grond zat, en nu bemerkte hij dat
-zij omgevallen was en dat er een afschuwelijke, zwarte stroom uit
-zijn hals kwam geloopen.
-
-En het was de stoel waarop het uniform was uitgebreid en een der mouwen
-was overgoten met het vocht, en een mooi wit hemd, dat daar ook lag,
-wachtende op een knoop, was overal gevlekt door het kleverige goed,
-vreeselijk! Bunby keek met een woesten, doodelijk verschrikten blik de
-kamer rond, om een plek te vinden, waar hij zich zou kunnen verbergen,
-maar er waren geen hoekjes of gordijnen waar hij zich kon verschuilen,
-en er was geen tijd om de slaapkamer binnen te vliegen en onder
-het bed te kruipen. Dicht bij het raam was een groote medicijnkast,
-en in zijne wanhoop wierp Bunby er zich in, trok zijne beenen naar
-zich toe en verborg zijn hoofd tusschen zijne knieën, terwijl een
-onheilspellend gerinkel van omgeworpen flesschen in zijne ooren
-suisde. Het volgend oogenblik was zijn vader in de kamer.
-
-"Groote hemel! God bewaar me!" zeide hij, en Bunby trilde van het
-hoofd tot de voeten.
-
-Toen bromde hij een reeks woorden zeer snel achter elkander--"in eene
-vreemde taal" zooals Judy hiervan zeide; gooide iets omver, en riep
-"Esther!" op schrikwekkenden toon. Maar Esther was buiten op een der
-grasvelden met den Generaal, en dus kwam er geen antwoord.
-
-Meer woorden in eene vreemde taal, meer gestamp op den grond.
-
-Bunby's tanden sloegen met geweld op elkander; hij bracht zijne hand
-omhoog, om zijn mond dicht te houden, en de kast, die nu het evenwicht
-verloor, viel voorover, waardoor zijn bewoner voor zijn vaders voeten,
-en de flesschen naar alle kanten buitelden.
-
-"Ik heb het niet gedaan--ik kan het--niet helpen!" huilde hij,
-achterwaarts naar de deur loopende. "O--neen--boe--hoe--oe!
-Esther--boe--ja--Judy--o--o! o!" Zooals te verwachten was, had
-zijn vader een riem ter hand genomen, die daar door een gedienstig
-toeval lag, en was bezig, er zijn zoon een geducht pak slaag mede
-toe te dienen.
-
-"O--o! o! A--a! ik kan het--niet helpen! Het is de schuld van Pip--en
-Judy--o! de pantomime! boe--hoe! a! u slaat me dood! O--o!--ik deed
-het alleen--ik deed het alleen--om u een genoegen te doen!"
-
-Zijn vader hield op met omhooggeheven riem. "En daarom dus gedraagt
-de een zich nog zotter dan de ander? Omdat ik jelui mee zou nemen
-naar de pantomime?"
-
-Bunby trok zich los. "Boe--hoe--ja! Maar ik heb het niet bedacht--ik
-niet--ik kan het niet helpen!--O--a!--ik heb het niet gedaan--de
-anderen hebben het gedaan--boe--hoe--hoe! Geef u hun slaag, de
-anderen!"
-
-Hij kreeg nog drie flinke klappen en vluchtte toen huilend en kermend
-naar de kinderkamer, waar hij op den grond rolde en met zijne beenen
-schopte en zich in bochten wrong alsof hij half doodgeslagen was.
-
-"Jelui gluiperts!" snikte hij, toen de anderen van alle kanten
-waren komen aanloopen, verschrikt door zijne luidruchtige klachten,
-"jelui gemeene kinderen!--Ik heb--geen kip--gehad! En ik heb--al de
-slaag--gekregen! Jelui gluiperts--o--o! a--a!o--o! Ik bloed overal,
-dat weet ik zeker!"
-
-Zij konden er niets aan doen, dat zij even moesten lachen; Bunby was
-altijd zoo onuitsprekelijk komiek als hij zich maar even bezeerd had;
-maar toch zochten zij hem zoo goed mogelijk te bedaren, en beproefden
-te weten te komen, wat er gebeurd was.
-
-Esther kwam thans de kamer binnen, zij zag er zeer ontstemd uit.
-
-"Nu?" zeiden zij als uit één mond.
-
-"Jelui zijt de lastigste kinderen, die ik ooit gezien heb!" zeide
-zij boos.
-
-"Maar de pantomime--gauw, Esther--heb je het hem gevraagd?" riepen
-zij ongeduldig.
-
-"De pantomime! Hij zegt, dat hij nog liever hemel en aarde zou willen
-bewegen om de voorstelling te verhinderen, dan dat een van jelui er
-ook maar iets van te zien zou krijgen--en jelui hebt dat dubbel en
-dwars verdiend! Meg, wat ik je bidden mag--doe Baby droge kleeren aan,
-kijk eens naar haar; en, Judy, als je nog het minste voor mij voelt,
-doe dan die japon uit. Bunby, stoute jongen, ik zal je vader roepen,
-als je niet ophoudt met zulk een leven te maken. Nell, neem den
-Generaal die schaar af, hij zal zich de oogen nog uitsteken."
-
-De jonge stiefmoeder leunde achterover in haar stoel, en keek met
-een tragischen blik om zich heen. Zij had haar echtgenoot nog nooit
-zoo hevig vertoornd gezien, en haar mooie mond trilde, toen zij er
-aan dacht, hoe hij haar voor alles scheen aansprakelijk te stellen.
-
-Meg was niet van hare plaats opgestaan; het water droop langzaam uit
-Baby's kleederen en maakte een plas op den grond, Bunby stootte nog
-steeds een krampachtig gesnik uit, Judy was aan het fluiten, en de
-Generaal, nu beroofd van de schaar, begon zijn eigen vuil schoentje
-af te likken met zijne lieve, kleine, roode tong.
-
-Een snik wrong haar de keel dicht, twee tranen welden er in hare oogen,
-en liepen haar langs de zachte, liefelijke wangen.
-
-"Jelui zijt met je zevenen, en ik ben nog maar twintig!" zeide zij
-jammerend, "O! het is te erg--werkelijk, het is te erg!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK IV.
-
-DE GENERAAL IN DE KAZERNE.
-
-
-Het was een dag na "de gebeurtenissen van het vorige hoofdstuk" zooals
-in vertelselboeken zou te lezen zijn. En Judy zat, met eene toornige
-uitdrukking van spijt in hare oogen, op de tafel der kinderkamer,
-hare knieën tot haar kin opgetrokken, en hare magere bruine handen
-om hare beenen gevouwen.
-
-"Het is eene schandelijke behandeling," zeide zij, "eene
-onvergevelijke, schandelijke behandeling! Waarvoor zijn vaders
-eigenlijk op de wereld, dat zou ik wel eens willen weten!"
-
-"O Judy!" zeide Meg, die, verdiept in haar boek, in een stoel gedoken
-zat. Maar zij zeide het werktuigelijk, en alleen omdat dit--zij was
-immers drie jaren ouder dan Judy--haar plicht was.
-
-"Denk eens aan de heerlijke dagen, die wij zouden kunnen
-hebben, als hij er niet was!" ging Judy voort, met kalme
-onverschilligheid. "Minstens drie keer op een dag zouden we kip eten,
-en zeven avonden van de week naar de pantomime gaan."
-
-Nell maakte de opmerking, dat het geene gewoonte was op den eersten
-dag der week eene voorstelling bij te wonen, maar Judy liet zich niet
-uit het veld slaan.
-
-"Ik zou dan eene soort van kerkelijke pantomime willen hebben," zeide
-zij peinzend,--"mooie afbeeldingen en van allerlei, dat betrekking
-heeft op het Heilige Land, en eene liefelijke muziek, en mooie kinderen
-in het wit, die lofliederen zingen, en schitterende kleuren overal,
-en geen collecteschalen waar je je laatste geld op moet leggen--o! en
-geen preeken of litaniën natuurlijk!"
-
-"O Judy!" murmelde Meg, een blad omslaande. Judy opende hare
-handen en sloot ze weer, nog vaster dan te voren. "Zes billetten
-weggegooid--dertig kostbare shillings--en dat alleen omdat wij een
-vader hebben!"
-
-"Hij heeft ze naar de familie Digby-Smith gezonden," vertelde Bunby
-ongevraagd, "en op de enveloppe had hij geschreven: "Met beleefde
-groeten.--J. C. Woolcot.""
-
-Judy steunde. "Ik zie de zes afschuwelijke kleine Digby-Smith's al
-in de komedie zitten, en met hunne zes afschuwelijke oogjes naar onze
-pret kijken!" zeide zij bitter.
-
-Bunby, die veel mathematisch gevoel had, verklaarde gaarne te willen
-weten, waarom zij er niet door hun twaalf afschuwelijke kleine
-oogjes naar zouden gekeken hebben, en Judy lachte en sprong van
-de tafel, nadat zij den misdadigen wensch had uitgesproken, dat de
-kleine Digby-Smith's allen over de leuning van de loge zouden mogen
-duikelen, eer het gordijn opging. Meg deed haar boek dicht met een
-haastigen slag.
-
-"Is Pip al weg? Vader zal vreeselijk boos zijn. O hemel wat heb ik
-toch een garnalen-geheugen!" zeide zij. "Waar is Esther? heeft iemand
-Esther gezien?"
-
-"Maar lieve Meg!" zeide Judy. "Het is minstens twee uur geleden, dat
-Esther uitgereden is, je stond er zelf bij! Zij is naar Waverly--zij
-is nog naar je toe gekomen, en heeft je gezegd, dat zij er op rekende,
-dat jij voor de jas zou zorgen, en je zeide: "Mevrouw, u zal tevreden
-zijn!""
-
-Meg, die zich nu alles herinnerde, keek met een verschrikten blik
-rond. "Moest ik de jas schoonmaken?" vraagde zij angstig, terwijl zij
-haar mooi, zwart haar uit haar voorhoofd streek. "O, kinderen! wat
-moest ik ook weer doen?"
-
-"De jas schoonmaken met benzine, haar strijken terwijl zij nog vochtig
-was, haar in eene koele plaats ophangen om haar warm te houden,
-en haar bakken tot ze bruin wordt," zeide Judy vlug. "Dat heb je
-toch zeker gehoord, Margaret? Esther heeft zooveel moeite gehad om
-je alles uit te leggen."
-
-"Wat zal ik beginnen?" zeide zij, en werkelijk sprongen er tranen
-in haar oogen. "Wat zal vader zeggen? O, Judy, je hadt mij wel eens
-kunnen helpen herinneren."
-
-Nell sloeg haar arm om haar zusters hals. "Zij plaagt je maar wat,
-Megsie; Esther heeft alles al gedaan en heeft de jas in de vestibule
-klaar gelegd--je hebt haar alleen maar aan Pip te geven. Pat moet
-van middag met den dogcart naar de stad gaan om de kussens van de
-achterbank te laten repareeren, en Pip gaat mee, dat is alles, en er
-wordt nu ingespannen; je bent niet te laat."
-
-Het was de jas, die Bunby naar zijn beste weten bedorven had, die al
-deze drukte veroorzaakte. Zij behoorde, als ik reeds zeide, tot het
-gala-uniform van den kapitein, en hij moest haar dien zelfden avond
-op een diner in de kazerne dragen. Esther was den geheelen morgen
-bezig geweest, haar af te sponsen en schoon te maken en had toen zij
-wegging, gezegd, dat het kleedingstuk in den middag naar de kazerne
-moest gebracht worden.
-
-De dogcart kwam op dit oogenblik met een breeden boog naar de voordeur
-gereden, Pip mende, en Pat keek uit de hoogte op hem toe. Zij namen
-het pak dat de jas bevatte, aan, legden het zorgvuldig onder de bank,
-en waren op het punt weer te vertrekken, toen Judy zich op de veranda
-vertoonde, den Generaal onhandig in hare armen houdend.
-
-"Jij gaat ook mee, Fizz, er is nog een bergplaats, er is geen eene
-reden waarom je niet zoudt meegaan," zeide Pip op eens.
-
-"O!" riep Judy, en hare oogen begonnen te schitteren. Zij deed haastig
-een stap vooruit en lichtte één voet op, om in te stappen.
-
-"O, wacht eens even!" protesteerde Pip, "je zult iets over die japon
-moeten aantrekken, meisje!--zij is vol jam en vlekken!"
-
-Judy vloog de vestibule in, en kwam terug met haar regenmantel;
-zij zette den Generaal één oogenblik op den grond, terwijl zij den
-mantel aantrok, tilde haar broertje toen weer op, en gaf hem Pip aan.
-
-"Hij zal ook mee moeten," zeide zij, "ik heb Esther beloofd, dat
-ik hem geen seconde uit het oog zou verliezen; in den laatsten tijd
-begint zij erg bezorgd voor hem te worden--ik geloof, dat zij denkt,
-dat hij nog eens zal breken."
-
-Pip bromde een paar minuten, maar de Generaal stootte een
-onweerstaanbaar, verrukt lachje uit, en hield zijne armpjes omhoog, dus
-nam hij hem aan en hield hem vast, terwijl Judy in het rijtuigje klom.
-
-"Wij kunnen met den tram naar de Kade teruggaan, en dan met een boot
-naar huis komen," zeide zij, terwijl zij het kindje tusschen zich en
-haar broer op de bank drukte. "De Generaal vindt het wat heerlijk op
-het water!"
-
-En zij reden weg, de verwaarloosde oprijlaan uit, het hek door, en
-toen den weg op, Pip, Judy met de glinsterende oogen, de Generaal,
-die zijn duim zat te verslinden, en, Pat, weer glimlachend, omdat
-hij de teugels weer in handen had.
-
-Een frissche wind kwam van de rivier door den gordel van gomboomen
-waaien, die hare oevers omgaf, en deed het jonge, roode bloed snel
-door hunne aderen stroomen; hij stoeide met Judy's krullen, en gaf
-eene warme roode tint aan hare bruine wangen; hij maakte den Generaal
-onrustig en weerspannig, zoodat hij kraaide en om zich heen sloeg,
-en bracht Pip er toe, zijn hoed achter op zijn hoofd te zetten en
-vroolijk een liedje te fluiten.
-
-Dit duurde zoo voort, tot zij de stad bijna bereikt hadden en
-genoodzaakt waren zich naar de eischen der welvoegelijkheid te
-schikken.
-
-Zij ontmoetten een ruiter, die toen hij hun zag, zijn paard stapvoets
-liet loopen. Pip nam zijn hoed af met een sierlijken zwaai, en
-Judy glimlachte vriendelijk en blijkbaar aangenaam verrast, want de
-ruiter was een oude kolonel, dien zij reeds jaren kenden, en wiens
-opgeruimdheid en vrijgevigheid zij met reden dankbaar konden herdenken.
-
-"Wel, mijn kleine meid,--wel, Pip, mijn jongen!" zeide hij, goedhartig
-glimlachend, terwijl zijn paard om den dogcart danste,--"en de Generaal
-ook al? Waar gaan jelui heen?"
-
-"Naar de kazerne, ik heb een pak bij me voor den ouden
-heer!" antwoordde Pip. Judy sloeg het trappelende paard met
-bewonderende oogen gade. "En dan gaan we weer naar huis."
-
-Het gelukte den kolonel, niettegenstaande de onrustige bewegingen
-van het paard, zijne hand in zijn zak te steken. "Hier hebben jelui
-iets waarmede je je zelf ziek kunt maken onder weg," zeide hij,
-en gaf hun twee halve kronen, "maar zend me niet de doktersrekening!"
-
-Hij streelde de wang van den Generaal met zijn rijzweep, knikte Judy
-toe, en hield zijn onrustig paard niet langer tegen.
-
-De kinderen keken elkander met schitterende oogen aan.
-
-"Kokosnoten," zeide Pip, "en taartjes en koffie, en de rest bewaren
-we voor een voetbal?" Judy schudde het hoofd.
-
-"Wat zou ik daaraan hebben?" zeide hij. "Je zoudt den voetbal op
-school bewaren. Ik stem voor jujubes, en roomijs, en een wassen pop."
-
-"Een wassen grootmoeder!" riep Pip verontwaardigd. "Zoo gek zal je toch
-niet zijn!" Toen voegde hij er bijna met eerbiedige bewondering bij:
-"Wat een geluk dat je altijd poppen verfoeid hebt, Fizz!"
-
-Judy sprong plotseling op hare plaats omhoog, zoodat de Generaal
-bijna omvergeworpen werd, en de koetsier een stroom van verwijten
-over haar uitstortte. "Ik weet al iets!" riep zij, "en we zijn al
-bijna halverwege: o! dat zal heerlijk zijn!"
-
-Pip verzocht haar, duidelijk hare plannen mee te deelen.
-
-"Laten we gaan naar het Bondi-Aquarium,--daar kunnen we op
-rolletjesschaatsen rijden, varen, in den draaimolen zitten, ook in de
-Montagne russe, alles even goedkoop!" antwoordde zij vlug en beknopt.
-
-"Goede hemel!" Pip floot zacht, terwijl hij het voorstel overwoog. "Er
-kon dan zelfs nog wat overschieten voor den voetbal." Toen betrok
-zijn gezicht.
-
-"Maar we hebben het kleine kind bij ons--Waarom heb je hem mee
-gebracht? Dat is nu weer echt meisjesachtig, om alles te bederven!"
-
-Judy keek verlegen voor zich. "Ik had hem heelemaal vergeten!" zeide
-zij boos. "Kunnen wij hem niet ergens heenbrengen? Kunnen wij niet
-aan iemand vragen, om op hem te passen, terwijl wij naar het Aquarium
-gaan? Het zou vreeselijk vervelend zijn, als wij ons plan moesten
-opgeven om hem. En het begint ook al te regenen, we zouden hem niet
-mee kunnen nemen."
-
-Zij waren nu aan den voet van den heuvel gekomen, waarop de kazerne
-staat, en Pat zeide hun, dat zij uit moesten stappen en het overige
-van den weg te voet afleggen, want anders zou de dogcart onmogelijk
-vóór den avond weer in orde kunnen zijn.
-
-Pip sprong op den grond en nam den Generaal, als een bundeltje uit
-den wagen, en Judy volgde hem voorzichtig, het kostbare pakket dat de
-jas bevatte, in hare armen. En zij wandelden stilzwijgend den heuvel
-van asphalt op naar het hek, dat toegang gaf tot de officierswoningen.
-
-"Nu?" zeide Pip op klagenden toon, toen zij den top bereikten. "Gauw
-wat, heb je niets bedacht?"
-
-Wanneer zijne zuster, evenals nu, hare wenkbrauwen optrok, en
-hare lippen vast toekneep, kon hij er zeker van zijn, dat zij eene
-ingewikkelde moeielijkheid trachtte op te lossen.
-
-"Ja," zeide Judy eindelijk kalm. "Ik heb een plan, dat wel lukken zal,
-denk ik." En toen vervolgde zij met plotselinge opgewondenheid:
-
-"Wie is de vader van den Generaal? dat zou ik wel eens willen weten! Is
-het niet gepast en behoorlijk, dat vaders naar hunne zoons omzien? En
-verdient hij niet, dat wij hem kwaad met kwaad vergelden, nu hij de
-kaarten van de pantomime heeft weg gegeven? En is het Aquarium niet
-veel te verrukkelijk om er niet heen gaan?"
-
-"Nu?" zeide Pip, zijn trager verstand kon zulk eene vlugge redeneering
-niet volgen.
-
-"Ik ben alleen maar van plan den Generaal een paar uren in de kazerne
-achter te laten, tot wij terug komen, want volgens mij is zijn vader
-de aangewezen persoon om op hem te passen." Judy nam vastberaden het
-kleine dikke handje van den Generaal, en opende het hek.
-
-"Nu," sprak Pip, "ik geloof, dat we bezig zijn, er ons leelijk in te
-werken. Laten wij dat maar liever niet doen!"
-
-"Wel waarom niet?" antwoordde Judy uitdagend. "Het zal nog wel niet
-zoo slecht afloopen, en, in ieder geval, wij moeten iets voor het
-Aquarium overhebben. Kijk eens hoe het regent; het kind zou de kroep
-of rheumatiek kunnen krijgen, als wij hem mee namen! Daar staat vader
-te praten met een man dicht bij het tennisveld; ik zal stilletjes
-langs de veranda loopen, en naar zijne eigen kamer gaan, en de jas en
-den Generaal op zijn bed leggen; dan zal ik tegen een soldaat zeggen,
-dat hij vader moet gaan vertellen, dat zijne pakketten gekomen zijn,
-en terwijl dat gebeurt, vlieg ik hierheen terug, en nemen wij den tram,
-om naar het Aquarium te komen."
-
-Pip floot wederom zachtjes. Hij was gewend aan overmoedige voorstellen
-van deze zuster van hem, maar dit overtrof alle vroegere. "Maar,"
-zeide hij, niet recht op zijn gemak, "maar Judy, wat zal hij uitvoeren
-twee uren lang met ons kleine ventje?"
-
-"Dat is zijn zaak," antwoordde Judy gevat. "Het zou wat moois
-zijn, als een vader zijn eigen kind niet twee uren lang zou kunnen
-bezighouden. Naderhand, als we in het Aquarium geweest zijn, komen
-we terug om hem te halen, en dan kunnen we vader zeggen, dat het zoo
-regende, en dat we het beter vonden hem niet mede te nemen uit angst
-voor rheumatiek, en dat we zulk eene haast hadden om den tram nog te
-krijgen, en dat wij omdat hij niet in zijne kamer was, den Generaal
-maar zoolang op zijn bed hadden gezet. Nu, Pip, dat is toch alles
-heel eenvoudig!"
-
-Pip keek nog altijd niet heel opgewekt. "Ik vind, dat wij het liever
-niet moeten doen, Fizz!" zeide hij nog eens; "hij zal woedend zijn!"
-
-Judy keek hem vol ongeduld aan. "Ga eens kijken of de tram al komt,"
-zeide zij; en, verheugd een oogenblik uitstel te winnen, liep hij
-het pad af, en keek in de richting, vanwaar de tram moest komen. Toen
-hij zich omdraaide was zij verdwenen.
-
-Hij stopte zijne handen in zijne zakken en wandelde verscheiden
-malen het pad op en neer, "Fizz zal ons nog eens allemaal doen
-ophangen!" gromde hij, en keek donker naar de deur in den muur door
-welke zij verdwenen was.
-
-Hij schoof zijn hoed naar achteren en beschouwde zijne laarzen,
-er over peinzende, welke de gevolgen van dit nieuwe misdrijf zouden
-zijn. Opeens hoorde hij een lichten voetstap naast zich.
-
-"Ga nu mee!" zeide Judy, en trok hem bij de mouw. "Alles is in orde, ga
-nu mee en laten we pret maken; heb je het geld goed bij je gestoken?"
-
-Het was één uur, toen zij het hek uit gingen en van den heuvel naar
-de halte van den tram keken.
-
-En het was half vijf toen zij uit een naar de stad rijdenden tram
-sprongen en het hek weer binnen gingen, om het hun toevertrouwde
-te halen.
-
-Welk een heerlijken middag hadden zij gehad! Eenmaal in het Aquarium,
-had zelfs Pip zijn geweten tot zwijgen gebracht, en was er uitsluitend
-op bedacht geweest, zooveel mogelijk plezier te hebben. En Judy
-gedroeg zich als een klein dol wezen. Een shilling van haar geld gaf
-ze aan de Montagne russe, de vlugge, bedwelmende beweging vond zij
-"hemelsch." De eerste rit maakte Pip duizelig en draaierig, zoodat hij
-een tweeden zorgvuldig vermeed, en naar Judy bleef kijken, die telkens
-weer opnieuw vertrok, en hem uit het ranke kleine wagentje vroolijk toe
-wuifde terwijl hij duizend angsten voor haar uitstond. Daarop huurden
-zij ieder een paar rolletjesschaatsen, en vielen zich bont en blauw op
-het asphalt. Toen gingen zij in de draaimolen zitten, maar Judy vond
-dit een laf vermaak na de Montagne russe, en weigerde er verder geld
-voor uit geven; zij vergenoegde zich met naar Pip te kijken, die rond
-vloog, en beproefde hem telkens zoo lang mogelijk hard loopend bij te
-houden. Zij eindigden den middag met een eene langdurige inspectie van
-de visschen, deden zich te goed aan geleitaartjes van twijfelachtige
-verschheid, en kochten voor twee stuivers aardnoten. En, zooals ik
-reeds zeide, was het half vijf toen zij het pad opsnelden naar het
-bovenste hek der kazerne.
-
-"Ik hoop maar, dat hij zoet geweest is!" zeide Judy, terwijl zij
-den knop omdraaide. "Neen, Pip jij gaat ook mede,"--want dit jonge
-mensch scheen zich te willen terugtrekken. "Als je twintig schoppen
-of slagen over twee verdeelt krijgt elk maar tien!"
-
-Zij liepen langs de steenen veranda en bleven bij eene deur stil staan.
-
-Eene kleine groep jonge officieren stond daar dicht bij te praten en
-te lachen.
-
-"Op mijn woord, het was even amusant als eene comedie, om te zien
-hoe Wooly zijn jongsten spruit stevig vast hield, hem in een rijtuig
-stopte, er zelf ook in ging en dit alles met een innig verontwaardigd
-gezicht."
-
-Een andere blies den rook van zijne sigaar in de lucht. "Het was een
-grappige kleine baas," zeide hij. "Hij balde zijne vuistjes en duwde
-er een in het oog van zijn WelEdelgestrengen; en toen schopte hij
-zijn schoentje uit, en wij haastten ons allen om het op te rapen,
-en het was vuil en versleten, en de oude Wooly werd langzaam geheel
-rood tot achter zijne ooren, toen hij beproefde, het zijnen zoon aan
-te trekken."
-
-Eene kleine gestalte stapte opeens naar het midden der groep,--eene
-kleine gestalte met een onmogelijk korten en kalen ulster, dunne,
-met zwarte kousen bekleede beenen, en een grooten hoed, die een
-overvloed van krullen overschaduwde.
-
-"U spreekt over mijn vader," zeide zij, het hoofd in den nek, zeer
-uit de hoogte, "ik begrijp niet, waarom u zich vroolijk maakt. Is
-mijn vader hier, of hoorde ik u zeggen, dat hij is heengegaan?"
-
-Twee der heeren keken min of meer verlegen, de derde groette beleefd.
-
-"Het spijt mij, dat u ons gesprek gehoord heeft, Miss Woolcot!" zeide
-hij op wellevenden toon. "Maar, er is geen onherstelbaar kwaad
-verricht, nietwaar? Ja, uw vader is in een rijtuig vertrokken. Hij
-kon niet begrijpen, hoe de kleine jongen op zijn bed kwam, en, daar
-hij hem hier niet goed kon houden, veronderstel ik, dat hij hem naar
-huis gebracht heeft."
-
-Iets als eene uitdrukking van berouw kwam in Judy's heldere oogen.
-
-"Ik vrees mijn vader in ongelegenheid gebracht te hebben!" zeide
-zij kalm. "Ik heb mijn broertje hier gebracht, omdat ik niet wist,
-waar ik hem een paar uur lang zou laten. Maar ik had er op gerekend,
-hem zelf naar huis te brengen. Is mijn vader al lang weg?"
-
-"Ongeveer een half uur," zeide de officier, die zijn best deed niet
-te glimlachen over de ouderwetsche manieren van het kleine meisje.
-
-"O, dank u wel. Wij zullen hem misschien nog kunnen opvangen. Kom,
-Pip!" en, ernstig en uit de hoogte groetend, draaide zij zich om,
-en liep met haar broeder weer langs de veranda en door het hek
-naar buiten.
-
-"Daar hebben we ons ook mooi ingewerkt!" zeide hij. Judy knikte.
-
-"Het is zoo ongeveer het allerergste, wat wij ooit in ons leven
-uitgevoerd hebben. Stel je vader voor in een rijtuig met dat kleine
-kind! O goede hemel!"
-
-Judy knikte nogmaals.
-
-"Kan je niet spreken?" zeide hij ongeduldig. "Jij hebt ons dit
-alles op den hals gehaald--ik vond het niet goed, dat we het deden;
-maar natuurlijk, ik zal je niet verlaten. Alleen moet je nu zoo gauw
-mogelijk een uitweg bedenken."
-
-Judy beet op drie vingertoppen van haar rechter handschoen, en keek
-treurig voor zich uit.
-
-"We kunnen niets beginnen, Pip!" zeide zij langzaam. "Ik had niet
-gedacht, dat het zoo zou eindigen. Ik geloof, dat het 't beste is,
-als we maar dadelijk naar huis gaan en ons overleveren om gestraft
-te worden. Hij zal te woedend zijn, om naar eene verontschuldiging
-te luisteren, en dus moeten we ons maar goed houden, en afwachten,
-wat hij doen zal. Het spijt mij vreeselijk, dat ik oorzaak ben,
-dat de officieren om hem hebben kunnen lachen."
-
-Pip kon zich niet langer goedhouden. Hij noemde haar een ezel en een
-stommeling en een idioot, omdat zij dit gedaan had, en zij zeide in
-het geheel niets terug.
-
-Zij namen den tram, en begaven zich naar Sydney, en daarop naar de
-boot. Zij kropen in een hoekje, dat zoo ver mogelijk van de kajuit
-verwijderd was, en praatten met grooten ernst over den stand der
-zaken. Na eene poos stond Pip op en liep wat rond om tot andere
-gedachten te komen, tot hij opeens terug kwam met een doodsbleek,
-strak gelaat.
-
-"Hij is op de boot!" fluisterde hij doodelijk ontsteld.
-
-"Waar--waar--waar? wat--wat--wat?" riep Judy.
-
-"In de kajuit, hij kijkt zoo nijdig als een spin, en houdt den armen
-kleinen Generaal zoo stevig vast, alsof hij bang was, dat hij weg
-zal vliegen."
-
-Judy keek verschrikt rond.
-
-"Kunnen we ons niet verstoppen? Als hij ons maar niet te zien
-krijgt! Het zou nu toch niets geven, of we hem vraagden, den Generaal
-aan ons te geven. We zijn ingerekend, Pip--hij geeft geen kwartier."
-
-Pip bromde iets; Judy stond op.
-
-"Laten we naar de machine kruipen," zeide zij, "en eens kijken of
-hij er erg boos uitziet."
-
-Zij liepen met groote voorzorg over het dek, en posteerden zich zóó,
-dat zij konden zien zonder gezien te worden. De lieve kleine Generaal
-zat naast zijn ernstigen vader, die den rug van zijn wollen jasje
-stevig vast hield. Hij zoog op zijn vuil handje, en wierp nu en dan
-verlangende blikken naar zijn bruinleeren schoentje, waarop hij,
-zooals hij wist, heerlijk zou kunnen bijten. Een paar maal had hij
-het uitgetrokken en naar zijn mond gebracht, maar zijn vader was
-tusschenbeide gekomen, en had het kleedingstuk weer, op de plaats,
-waar het behoorde te zijn, dichtgeknoopt. Hij zou ook wel heel gaarne
-van die akelige bank zijn gegleden, en over het dek hebben gekropen,
-en hebben onderzocht, wat er al zoo onder de banken te kijk was,
-en waar dat proestende geluid van daan kwam; maar hij voelde een
-ijzeren greep aan zijn jasje, dien geen spartelen of wringen kon
-losser maken. Geen wonder dat het arme kind ongelukkig keek!
-
-Eindelijk legde de boot aan niet ver van Misrule, en de kapitein
-stapte aan wal, zijn morsig zoontje stevig in zijne armen dragend. Hij
-wandelde langzaam den rooden weg op, dien de dogcart een zes of zeven
-uur geleden met zulk een opgewekten spoed afgelegd had, en Judy en Pip
-volgden op een eerbiedigen--een zeer eerbiedigen--afstand. Bij het hek
-zag hij hen, en wenkte hen toornig met een breeden zwaai, naderbij
-te komen. Judy werd zeer bleek, maar gehoorzaamde dadelijk, en Pip,
-die zijn best deed, zich goed te houden, maakte de achterhoede uit.
-
-Later herinnerde Judy zich slechts zeer onduidelijk hetgeen gedurende
-het eerstvolgende halve uur gebeurde. Zij wist, dat er een stormachtig
-tooneel plaats gegrepen had, waarbij Esther en de geheele familie
-haar overstelpt had met verwijten en berispingen.
-
-Daarop kreeg Pip een pak slaag, ondanks Judy's herhaalde bekentenis,
-dat alles haar schuld was, en Pip niets gedaan had. Zij herinnerde
-zich, dat zij er met nieuwsgierigheid aan dacht, of zij even
-voorbeeldig als Pip zou gekastijd worden, zoo toornig was haar vaders
-gezicht, toen hij den jongen op zijde duwde en naar haar stond te
-kijken, zijne rijzweep in de hand.
-
-Maar hij gooide deze neer en legde zijne hand zwaar op haar schouder,
-dien zij vergeefs poogde terug te trekken.
-
-"Aanstaanden Maandag," zeide hij langzaam--"aanstaanden Maandagmorgen
-ga je naar de kostschool. Esther, wees zoo goed na te zien, of Helen's
-kleederen in orde zijn voor de kostschool--aanstaanden Maandagmorgen
-gaat zij er heen."
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK V.
-
-AANSTAANDEN MAANDAGMORGEN.
-
-
-Een koffer stond in de vestibule, en een groot, dikwijls gebruikt
-valies, en er hingen adressen aan, waarop te lezen stond: "Miss Helen
-Woolcot, adres de Dames Burton, Mount Victoria."
-
-In de kinderkamer werd het ontbijt in gedrukte stemming gebruikt. Meg's
-blauwe oogen waren rood en gezwollen van het schreien, en zij snoof
-nu en dan hoorbaar, terwijl zij bezig was koffie te schenken. Pip
-stond met de handen in de zakken op het haardkleed treurig naar een
-zeker bord te kijken, en dankte voor eten of drinken; de Generaal
-zat vroolijk met zijn drinkkroes op zijn bord te slaan; en Bunby at
-suffend zijn boterham op.
-
-Judy, bleek en met droge oogen, zat aan de tafel, en Nell en Baby
-hadden zich ieder aan een harer armen vastgeklampt. Gedurende de drie
-dagen, die tusschen dien noodlottigen Donderdag en dezen treurigen
-morgen verloopen waren, had zij koppig willen toonen, dat zij zich de
-geheele zaak niet aantrok. Nooit was hare stemming opgewekter, haar
-oog schitterender, hare tong scherper geweest, dan gedurende dezen
-tusschentijd; en zij had tegen iedereen beweerd, en in het bijzonder
-tegen haar vader, dat zij zich het verblijf in eene kostschool heerlijk
-dacht, en zich op haar vertrek verheugde.
-
-Maar dezen morgen was zij ineengezakt. De dagen te voren had haar
-vurig, kinderlijk hart haar gezegd, dat haar vader toch niet zóó wreed
-zou kunnen zijn, dat het niet in ernst zijn plan kon wezen haar onder
-vreemden te zenden, ver weg van het oude, vervallen Misrule en van al
-haar broeders en zusters; hij zeide het alleen maar om haar schrik
-aan te jagen, dit praatte zij gedurig zich zelve voor, en zij zou
-hem toonen, dat zij geen lafhartig klein kind was.
-
-Maar Zondagavond, toen zij een koffer naar beneden zag brengen en
-dien zag volpakken met hare kleederen en voorzien worden van haar
-naam, was het alsof een koude hand zich om haar hart sloot. Maar,
-zeide zij tot zich zelve, hij liet dit alles geschieden om haar te
-doen gelooven, dat zij werkelijk vertrekken moest.
-
-En nu was het morgen geworden, en zij kon zich niets meer diets
-maken. Esther was bij haar bed gekomen, en had haar treurig gekust, met
-eene bezorgde en teedere uitdrukking op haar lief aangezicht. Zij had
-haar man gesmeekt zoo innig als zij nog nooit gesmeekt had, het vonnis
-der arme Judy te vernietigen, maar de kapitein was onvermurwbaar. Zij
-en alleen zij was de belhamel bij alle ondeugende streken, de anderen
-zouden zich behoorlijk gedragen, wanneer zij er niet meer was om hen
-tot allerlei stoutigheden aan te zetten, en gaan moest zij. Bovendien
-zeide hij, zou het tot haar eigen heil zijn. Hij had eene uitmuntende
-school voor haar gekozen; de directrices er van waren vriendelijk, maar
-streng, en Judy's karakter liep gevaar bedorven te worden door gebrek
-aan eene strenge leiding. Dit was inderdaad in zeker opzicht waar.
-
-Judy ging plotseling rechtop in haar bed zitten, bij het gezicht van
-Esther's bekommerd gelaat.
-
-"Er is niets aan te doen, lieve kind, schik je naar vaders wil!" zeide
-zij vriendelijk. "Maar je zult gaan als een moedig meisje, nietwaar,
-Ju?--Jij hebt tot nu toe altijd, zooals Pip zegt: de huik naar den
-wind kunnen hangen."
-
-Judy verkropte een hevigen snik, en haar arm klein gezicht werd bleek
-en angstig.
-
-"Het is goed, Esther! Toe, ga maar gerust ontbijten," zeide zij met
-eene stem, die alleen maar een weinig beefde; "zou je den Generaal
-bij mij willen laten, Esther? Ik zal hem mede naar beneden brengen!"
-
-Esther zette haar klein, dik zoontje op het kussen en ging heen met
-een blik vol liefde en zorg.
-
-En Judy nam het kleine ventje in hare armen, en trok de beddelakens
-over hun beider hoofd, en hield hem stevig, bijna wanhopig een minuut
-of twee tusschen hare armen gekneld, en verborg haar gezicht in zijn
-zacht, dik nekje en kuste hem tot hare lippen pijn deden.
-
-Hij verweerde zich dapper tegen deze gewelddadige handelwijze, en
-protesteerde ten laatste, met een woedenden kreet, tegen gesmoord
-te worden. Dus wierp zij het dek weg en stapte uit bed, en liet hem
-tusschen de kussens rondkruipen, en uit een gaatje in een er van de
-veertjes plukken.
-
-Zij kleedde zich haastig en zenuwachtig, maakte het haar met meer
-zorg dan gewoonlijk op, en ging toen met den Generaal naar de
-kinderkamer. Alle anderen waren hier, en klaarblijkelijk waren zij
-met Esther over haar aan het spreken. De drie meisjes keken bedroefd
-en verontwaardigd; Pip was juist terecht gezet, omdat hij oneerbiedig
-over zijn vader had gesproken, en zag gemelijk voor zich uit; en Bunby,
-niet wetende wat hij anders zou doen in zulk een hachelijk oogenblik,
-was vliegen gaan vangen en trok haar wreedaardig de vleugels uit.
-
-Het was een somber ontbijt. De bel weerklonk als teeken dat de koffie
-beneden klaar was, en Esther moest dus de kinderen alleen laten. Een
-ieder presenteerde Judy van alles, wat op de tafel stond, en sprak
-haar beleefd toe. Zij scheen niet meer hun gelijke te zijn, maar een
-persoontje, dat niet zoo lichtvaardig behandeld kon worden terwille
-der waardigheid, die het groote verdriet haar gaf. Hare japon was
-nieuw--een keurig, blauw serge kleedje, direct uit de handen der
-naaister; hare laarzen waren glimmend gepoest, hare kousen zonder
-luchtgaatjes. Dit alles werkte er toe mede, om haar eene Judy te
-maken geheel verschillend van de slordige en drukke Judy van een paar
-dagen geleden, die gewoonlijk aan het ontbijt kwam, er uit ziende,
-alsof hare kleederen met eene hooivork op haar geworpen waren.
-
-Baby wijdde zich ééne minuut aan hare gort, maar toen overstelpten
-haar hare aandoeningen, en, met een zwakken klaagtoon, liep zij om de
-tafel naar Judy, en hing zich snikkend aan haar arm. Dit verstoorde
-het evenwicht van het geheele gezelschap. Nell pakte den anderen arm
-en wiegde zich heen en weer in een aanval van troosteloosheid. Meg's
-tranen droppelden in haar kopje; Pip duwde zijn hiel in het vloerkleed,
-en begreep maar niet, wat zijne oogen scheelden; en zelfs begon Bunby
-minder smaak in zijn boterham te krijgen.
-
-Judy zat zwijgend voor het bord, dat zij ongebruikt weggeschoven
-had, en dat zij met eene uitdrukking van diepe wanhoop op haar jong
-gezichtje aanstaarde. Zij zag er uit als eene miniatuur koningin uit
-eene tragedie, die op het punt is, naar de plaats der terechtstelling
-gebracht te worden.
-
-Bunby liet zich van zijn stoel glijden, dekte zijn kop koffie met
-den schotel van wege de vliegen, en verliet met plechtigen stap
-de kamer. Een oogenblik later kwam hij terug met eene zuurflesch,
-waarin een groote, groene kikvorsch zat.
-
-"Hem mag je houden voor jou alleen, Judy!" zeide hij, op bijna
-hartbrekend droevigen toon. "Je zult op school misschien nog wel eens
-om hem lachen."
-
-Zelfopoffering kan niet verder gaan, want deze kikvorsch was de
-lieveling van Bunby's hart.
-
-Dit prikkelde de anderen; ieder haalde een geschenk en legde het als
-souvenir op Judy's altaar. Meg bracht een armband, gemaakt van haar
-van een gestorven lievelingspony, Pip gaf zijn zakmes met drie messen,
-Nell een muskuspot dien zij een jaar lang begoten en verzorgd had, Baby
-eene pop met gebroken neus, de Benjamin van hare groote poppenfamilie.
-
-"Doe alles in den koffer, Meg--bovenin is nog plaats, denk ik," zeide
-Judy met verstikte stem, diep getroffen door deze geschenken. "O,
-Bunby, beste jongen! doe een kurk op de flesch met den kikkert,
-hij zou eens verloren kunnen gaan, tusschen al die kleeren!"
-
-"Ja wel," zeide Bunby. "Je zult goed op hem passen, nietwaar, Judy? O,
-lieve hemel! O! O!"
-
-Toen kwam Esther de kamer binnen, nog altijd met een bekommerd gelaat.
-
-"De dogcart is voor," zeide zij. "Ben je klaar, Judy, beste meid? Mijne
-lieve Judy, houd je nu dapper, vrouwtje!"
-
-Maar Judy was bleek als eene doode, en scheen niet te begrijpen, wat
-er om haar gebeurde. Zij liet toe dat Esther haar den hoed opzette,
-haar in haar nieuw manteltje hielp en haar de handschoenen in de
-hand gaf. Zij liet zich door de geheele familie kussen, half de trap
-afdragen door Esther, weer door de meisjes zoenen, toen door de twee
-goedhartige dienstboden, die ondanks hare pekelzonden voor haar eene
-warme genegenheid koesterden.
-
-Esther en Pip tilden haar in den dogcart, en zij zat ineen gedoken
-en scheef op de bank, en keek met oogen, die waarlijk tragisch waren
-in hunne groote wanhoop, naar de groep in de veranda. Haar vader kwam
-naar buiten, hij knoopte zijne overjas dicht, en zag haar blik.
-
-"Wat is dat voor gekheid?" zeide hij driftig "Esther--groote
-Hemel! stel jij je ook al zoo dom aan?"--groote tranen schitterden
-in de mooie oogen zijner vrouw. "Waarachtig, men zou kunnen denken,
-dat ik het kind meeneem om opgehangen te worden, of haar naar een
-verbeteringsgesticht ging brengen."
-
-Een luide, hikkende snik kwam over Judy's witte lippen.
-
-"Als u mij thuis zou willen laten blijven, vader, zal ik u nooit meer
-boos maken; u kan me voor straf slaan, zoo hard u maar wil."
-
-Het was hare laatste poging, hare laatste hoop, en zij beet op hare
-arme, trillende lip, tot deze bloedde, terwijl zij op antwoord wachtte.
-
-"Laat haar hier blijven--o! toe, laat haar hier blijven! We zullen
-altijd zoet zijn!" klonk het in koor uit de veranda. En: "Laat haar
-hier blijven, John!" riep Esther, op een toon, even smeekend als die
-der kinderen.
-
-Maar de kapitein sprong in den dogcart, en nam de teugels in eene
-uitbarsting van woede van Pat over.
-
-"Ik geloof, dat jelui allemaal bezeten zijt!" schreeuwde hij. "Zij
-zal het daar ginds uitstekend hebben, ik heb drie maanden vooruit
-voor haar betaald, en dat verzeker ik jelui, ik gooi mijn geld niet
-voor niets weg!"
-
-Hij gaf het paard een tikje met de zweep, en een minuut later was
-de dogcart aan gene zijde van het hek, en het kleine, ongelukkige
-gezichtje kon niet meer gezien worden.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK VI.
-
-HOE SCHOON IS DE LEEFTIJD VAN ZESTIEN JAAR.
-
-
-Meg had altijd mooi haar gehad, maar een paar maanden geleden had zij
-zich ponyhaar geknipt, en begon dit iederen avond in papillottenpapier
-te wringen. En in hare latafel stond een jampotje gevuld met havermeel,
-dat zij in haar waschwater gebruikte, want zij had gelezen, dat dit
-een uitstekend middel was om het teint te verfraaien. En iederen
-avond smeerde zij hare handen met vaseline in en sliep met oude
-glacé-handschoenen aan. En haar geld gaf zij uit aan een zeker water,
-dat de kleine bruine vlekjes zou wegwisschen, die de zon op haar
-gelaat getooverd had, en het, hoe dan ook, een zeker karakter gaven.
-
-Al deze dingen waren het gevolg hiervan, dat Meg zestien was, en dat
-zij eene vriendin gevonden had, die zeventien jaren telde.
-
-Aldith MacCarthy leerde Fransch bij denzelfden leeraar, naar wien
-Meg nu tweemaal in de week ging, en nadat chocolaadjes en haarlinten
-gegeven en aangenomen, en familieconfidenties gedaan en aangehoord
-waren, ontstond er eene innige vriendschap tusschen haar.
-
-Aldith had drie volwassen zusters, die zij in alle opzichten naäapte,
-en bezat veel meer kennis van de wereld dan de eenvoudige, romantische
-Meg.
-
-Zij leende Meg romans en novellen, evenals tijdschriften voor jonge
-dames, en het jonge meisje verdiepte er zich met groote belangstelling
-in, verbaasd over de nieuwe wereld, waarin zij werd binnengeleid;
-want Charlotte Yonge en Louise Alcott en Miss Wetherell waren tot nu
-toe uitsluitend hare lectuur geweest.
-
-Meg begon rooskleurige droomen te droomen van den tijd, waarin haar
-mooi, glanzend haar "in eene eenvoudige wrong" zou worden opgestoken
-of boven haar voorhoofd zou worden gelegd als "eene kroon, even
-schoon als die eener koningin," want dit waren de twee manieren,
-waarop de heldinnen in de novellen het haar kapten. Een gevlochten
-varkensstaartje was al zeer weinig romantisch. Dit was de reden waarom
-zij, als eene soort van voorbereidende maatregel, ponyhaar geknipt
-had, en het einde van hare vlecht begon te krullen. Haar vader staarde
-haar aan, en zeide, dat zij er uit zag als een winkelmeisje, toen hij
-deze veranderingen voor het eerst opmerkte, en Esther vertelde haar,
-dat zij een dom schepsel was, maar de spiegel en Aldith stelden haar
-weer gerust.
-
-De zorg, die nu aan de beurt kwam, was die van steelsgewijze
-hare japonnen langer te maken, welke in de periode waren van
-nog niet lang en niet meer kort te zijn. In de eenzaamheid van
-hare slaapkamer nam zij twee of drie van hare rokken van den band,
-voorzag ze aan den bovenkant van eene reep voering om ze te verlengen,
-en naaide eene strook onder om hare lijfjes, ten einde de voering te
-bedekken. Hierdoor werden hare rokken een goeden twee duim langer, wat
-haar een lang, slank figuurtje gaf, zooals zij zelve zeer goed wist.
-
-In geen van deze dingen stak eigenlijk kwaad.
-
-Maar Aldith begon hare taille langzamerhand geheel onmogelijk te
-vinden.
-
-"Je hebt minstens drie-en-twintig, Marguerite," zeide zij eens,
-vol ongehuichelden schrik.
-
-Zij noemde hare vriendin nooit Meg, want deze naam was "te familiaar
-en volstrekt niet welluidend."
-
-Meg keek van hare eigen taille naar het dunne, elegante middeltje
-van hare vriendin, en zuchtte diep.
-
-"Wat moest ik eigenlijk hebben?" zeide zij neerslachtig; en Aldith
-had geantwoord, "achttien--of negentien hoogstens, Marguerite! Ware
-symmetrische bevalligheid kan nooit bereikt worden met een middel
-van drie-en-twintig duim in omtrek."
-
-Aldith had niet alleen feiten opgemerkt en vergelijkingen gemaakt, zij
-had hare vriendin ook praktischen raad gegeven, en had haar getoond,
-hoe zij handelen moest. En iederen avond en iederen morgen trok Meg
-haar corsetveter steviger aan, en perste haar fijn, teeder lichaam in
-eene steeds engere ruimte. Zij had reeds een omtrek van een-en-twintig
-duim bereikt, hetgeen zuiver twee duim winst beteekende, en zij had
-al hare japonnen ingenomen.
-
-Maar zij speelde 's avonds niet meer mede cricket, en wilde aan geen
-enkel spel meedoen, waarbij hard loopen te pas kwam, zeer tot misnoegen
-der anderen. Niemand, die het zachte gezichtje, liefelijk als een
-bloesem, zag, en de vriendelijke, kalme oogen, zou gegist hebben
-welk eene marteling er verdragen werd onder het nu sierlijke, goed
-zittende japonlijfje. Vlug wandelen was eene ware kwelling; bukken,
-bijna folterpijn; maar zij verdroeg dit alles met een heldenmoed,
-eene waarlijk edele zaak waardig.
-
-"Hoe lang zal ik daar nu nog mede moeten voortgaan, Aldith?" vraagde
-zij eens met zwakke stem, na eene Fransche les gedurende welke
-zij zich bijna niet had kunnen goed houden. En het andere meisje
-antwoordde onverschillig: "O, je moet nu natuurlijk niet ophouden,
-je zult eens zien, over een poosje voel je er niets meer van."
-
-Na deze verzekering zette Meg hare pijn veroorzakende pogingen voort.
-
-Esther, de eenige, die in deze zaak eenigen invloed had kunnen hebben,
-had niets gemerkt, en, had zij dit wel gedaan, dan zou zij er zich nog
-niet ernstig over bekommerd gemaakt hebben, want het was eerst vier
-jaar geleden sedert ook zij zestien geweest was, en een "dun middeltje"
-voor haar het begeerlijkste van de geheele wereld geweest was.
-
-Eens had zij zonder bijgedachte gezegd:
-
-"Wat krijg je een goed figuurtje, Meg! De nieuwe naaister maakt zeker
-beter dan Miss Quinn!" en de dwaze Meg, het hart kloppend van vreugde,
-had zich voorgenomen, hare pogingen te verdubbelen.
-
-De lynx-oogige Judy zou alles zeker spoedig ontdekt hebben, en zou
-haar lachend beschaamd hebben, maar ongelukkig voor Meg's gezondheid
-was zij op school,--er waren reeds bijna drie maanden sedert haar
-vertrek verloopen.
-
-Aldith woonde ongeveer twintig minuten wandelen van Misrule, en dus
-waren de twee meisjes veel samen. Tweemaal in de week gingen zij
-per stoomboot naar de stad om in beleefd Fransch te leeren vragen:
-"Heeft de jonge dochter van den bakker den gelen hoed, de bruine
-handschoenen, en de parasol van de nicht van den aannemer?"
-
-En tweemaal in de week, nadat zij zonder den minsten samenhang
-geantwoord hadden: "Neen, maar de chirurgijn had bier, mosterd, en de
-tafelgong," vertoonden zich Aldith en hare vriendin op de wandelplaats,
-waar de Sydneysche jeugd en beau-monde gewoonlijk wandelde,--het
-"Block."
-
-"Nu zullen wij eens gaan zien, hoeveel hoeden ik kan laten
-afnemen!" zeide Miss Aldith, wanneer zij zich op weg begaven, en bij
-het einde van den tocht zuchtte Meg: "Hoe heerlijk moet het zijn,
-zooveel heeren te kennen als jij!"
-
-Somtijds gebeurde het, dat een of twee jonge lieden bleven staan,
-en de meisjes aanspraken, en dan stelde Aldith hen plechtig aan Meg
-voor, dikwijls evenwel meende deze, die, niettegenstaande al hare
-dwaasheid, scherp genoeg opmerkte, iets beschermends, min of meer
-spotachtigs in de manieren der heeren waar te nemen. En werkelijk
-was dit dikwijls zoo; het waren hoofdzakelijke heeren, die Aldith
-tehuis op een danspartijtje of bij het tennisspel had leeren kennen,
-en die deze jonge dame een vroeg rijp kind vonden, voor wie het hoogst
-gewenscht was, dat zij nog eenige jaren van de school zou profiteeren.
-
-Eens op een dag kwam Aldith op Misrule--houding, gebaren, stem, alles
-sprak van eene hooge, geheimzinnige gewichtigheid. "Kom mede naar den
-tuin, Marguerite!" zeide zij, zonder de minste notitie van Baby te
-nemen, die, met groote moeite, hare oudste zuster had overgehaald,
-haar het altijd even boeiende verhaal van de drie kleine varkentjes
-te vertellen.
-
-"O, neen, bij het haar van mijn baard aan mijn kin, ik zal proesten en
-blazen tot je huisje valt in," was nog maar tweemaal gezegd geworden,
-en het spannendste gedeelte moest nog komen.
-
-Baby keek op met verontwaardigde oogen.
-
-"Ga weg, Aldiff!" zeide zij.
-
-"Miss MacCarthy, Baby!" verbeterde Meg vriendelijk, Aldith's half
-verachtelijken glimlach opmerkende.
-
-"Aldiff!" herhaalde Baby koppig. Toen scheen zij berouw te hebben,
-en sloeg een kleinen arm liefkoozend om haar zusters hals.
-
-"Ik zal aan Miff MacCarfy zeggen, dat je eerst verder moet vertellen."
-
-"O, zend haar weg, Marguerite!" zeide Aldith ongeduldig. "Ik heb je
-een zeer belangrijk geheim mee te deelen, en ik heb buitendien haast."
-
-Meg was dadelijk een en al belangstelling.
-
-"Ga nu heen, Baby!" zeide zij, en kuste het teleurgestelde gezichtje;
-"ga met Bunby met de ark spelen, ik zal het vertelseltje van avond
-of morgen uit vertellen."
-
-"Maar ik wil nu het eind hooren!" zeide Baby volhoudend.
-
-Meg schoof haar vriendelijk op zijde. "Neen, ga nu heen, klein
-zusje--ga nu heen als eene beste meid, en ik zal je morgen ook nog
-van Roodkapje vertellen."
-
-Baby keek naar de bezoekster harer zuster.
-
-"Je bent een akelig spook, Aldiff MacCarfy," zeide zij langzaam en
-met nadruk, "en ik heb een hekel aan je, en wij allen hebben een
-hekel aan je, behalve Meg, en Pip zegt, dat je het naarste wicht ben,
-dat bestaat, en ik wou, dat er een groote reus kwam, die blazen zou
-en proesten, tot je midden in de zee lag."
-
-Aldith lachte, een klein tartend, wijs lachje, dat de maat van Baby's
-woede deed overloopen. Zij strekte hare kleine hand uit en gaf den arm
-der jonge dame in zijn mousselinen mouw een fijn welbestudeerd kneepje,
-dat Pip haar geleerd had. Toen holde zij als eene dwaze de groene
-grasvelden over naar het boschje, dat zich aan gene zijde bevond.
-
-"Onuitstaanbaar!" pruttelde Aldith boos, en Meg moest zich uitputten
-in verontschuldigingen en vriendelijke woordjes, om haar weer in een
-goed humeur te brengen, en haar over te halen, het zeer belangrijke
-geheim te vertellen. Ten laatste, evenwel, werd het haar geopenbaard,
-en wel met indrukwekkende plechtigheid. Aldith's oudste zuster was
-verloofd! O, was dat niet hemelsch? was het niet romantisch?--en
-met den mijnheer met den blonden snor, die in den laatsten tijd zoo
-dikwijls bij hen aan huis was geweest.
-
-"Ik wist, dat het zoo zou gaan--ik heb het al lang zien aankomen. O,
-men kan niet gemakkelijk iets voor mij verbergen!" zeide Aldith. "Ik
-herken ware liefde dadelijk. Maar voor mijzelve zou ik zeker de
-voorkeur geven aan een donkeren snor, jij ook niet, Marguerite?"
-
-"Ja-a!" zeide Meg. Hare meening in dit opzicht was nog nauwelijks
-gevestigd.
-
-"Gitzwart, met zeer stijfstaande uiteinden," vervolgde Aldith peinzend,
-"en eene militaire houding en heel lange, zwarte wimpers."
-
-"Dat zou ook mijn smaak zijn," zeide Meg, opeens vol vuur. "Zooals
-Guy Deloraine in "Angelina's eerzuchtige Droomen.""
-
-Aldith sloeg haar arm inniger om hare vriendin.
-
-"Zou het niet hemelsch zijn, Marguerite, als jij en ik--eens
-geëngageerd waren?" zeide zij, als in droomerige verrukking. "Denk eens
-aan, hoe zalig het zijn moet als een donkere knappe man met trotsche,
-zwarte oogen, smoorlijk verliefd op je is, je op de handen draagt,
-je cadeaux geeft en met je uitgaat--o, Marguerite, wat moet dat
-goddelijk zijn!"
-
-Meg keek peinzend voor zich uit. "Daar zijn wij, geloof ik, toch nog
-niet oud genoeg voor!" zeide zij met een zucht.
-
-Aldith wierp haar hoofd achterover. "Dat is onzin; Clara Allison is
-niet ouder dan zeventien, en denk aan eens je eigen stiefmoeder. Eene
-menigte meisjes zijn al getrouwd als zij zestien zijn, Marguerite! en
-mijne zuster Beatrice werd ten huwelijk gevraagd, toen zij nog maar
-vijftien was."
-
-Deze woorden schenen indruk op Meg te maken. Zij keek stil voor
-zich uit.
-
-Toen stond Aldith op om heen te gaan. "Denk er aan, dat je morgen
-op tijd aan de boot bent," zeide zij, terwijl zij naar het hek
-wandelden; "en, Marguerite, kleed je nu eens heel netjes aan--trek je
-koornbloemen-blauwe japon aan,--en zie eens of Mrs. Woolcot je niet
-een paar handschoenen zou willen leenen, je grijze paar ziet er niet
-meer zeer frisch uit, vind je zelf ook wel?"
-
-"Neen, neen zeker niet!" zeide Meg blozend.
-
-"En Mr. James Graham komt altijd terug met onze boot, en de twee
-Courtney's ook--Andrew Courtney zeide aan Beatrice, dat hij je een
-heel aardig persoontje vond; hij merkt je dikwijls op, zegt hij,
-omdat je altijd zoo bloost."
-
-"Ik kan daar toch heusch niets aan doen!" zeide Meg op ongelukkigen
-toon. "Aldith, hoe moet het lint op mijn hoed genaaid worden? Ik
-wilde het er opnieuw opzetten."
-
-"O, vierkante lussen, min of meer stijf, en goed op zijde!" zeide het
-orakel. "Ik ben blij, dat je den hoed onder handen neemt, beste! hij
-zag er heusch erg slordig en verlept uit."
-
-Meg bloosde weer.
-
-"Ben je al klaar met je Fransch?" zeide zij, en opende het hek.
-
-"Ik zal het er maar voor houden!" zeide Aldith onverschillig. Toen
-hief zij haar kin omhoog.
-
-"Die zedige meisjes Smith schijnen er altijd eene eer in te stellen,
-om geen fouten te maken; en Janet Green, wier hoeden altijd vier
-modes ten achteren zijn, ook; ik vergis mij liever eens een paar maal,
-als was het alleen maar om te laten zien, dat ik niet hard behoef te
-leeren, en later onderwijzeres worden."
-
-Maar juist in dit oogenblik struikelde zij, en viel in hare volle
-lengte op zeer onbevallige wijze neer, dwars over het modderige pad.
-
-Een stuk touw en Baby's wraak waren hier de oorzaak van.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK VII.
-
-"WAT ZEGT GE VAN EEN VERLIEFD HART?"
-
-
-Meg zag er zeer slecht uit, daar was geen twijfel aan. Hare mooie
-rozige gelaatskleur verloor hare frischheid, eene uitdrukking van
-prikkelbaarheid groefde een trek om den mond, die eenige maanden
-geleden alleen voor glimlachjes scheen geschapen te zijn. En, het was
-treurig onromantisch, maar, haar neus was van tijd tot tijd bijzonder
-rood. Nu kan eene heldin de grootste, diepste oogen, de langste
-wimpers, die maar mogelijk zijn, hebben; zij kan haar hebben gelijk
-aan het goud, dat "in den oogsttijd tot schoven wordt gebonden";
-zij kan lippen bezitten als kersen en tanden als paarlen, en een
-roode neus zal al deze bekoorlijkheden vernietigen. Hij berokkende
-Meg ware zielsangsten. Zij las met de grootst nauwgezetheid alle
-antwoorden in de "Correspondentie" der verschillende tijdschriften,
-die Aldith haar leende, om haar te helpen in haar zoeken naar een
-geneesmiddel. Maar bijna iedereen scheen recepten te vragen om den
-groei der oogharen te bevorderen of om embonpoint te voorkomen. Geen
-enkel antwoord, dat haar onder de oogen kwam, zeide: Een roode neus bij
-jonge meisjes wordt gewoonlijk veroorzaakt door slechte spijsvertering
-of door te nauw rijgen." Zij vraagde Aldith haar een raad te geven,
-en deze jonge dame dacht, dat hare vriendin de gewenschte uitkomst zou
-verkrijgen, door vaseline en zwavel, goed vermengd, op het lichaamsdeel
-in quaestie te leggen. En nu sloot Meg iederen avond de deur van
-haar slaapvertrek door middel van een eigen gemaakten grendel, want
-sleutels waren op Misrule eene ongekende weelde, en bestreek haar
-armen, kleinen neus hoogst zorgvuldig met het vette geneesmiddel,
-waarnaar zij den geheelen nacht op haar rug moest blijven liggen,
-om te voorkomen dat zij het aan haar kussen zou wrijven.
-
-Eens was Pip in haar kamertje doorgedrongen om haar te vragen, zijne
-bretels even te willen naaien; zij was toen genoodzaakt geweest,
-haastig een handdoek om haar hoofd te slaan en te zeggen, dat zij
-hevige zenuwhoofdpijn had, en dat hij maar naar Esther of een van
-de meiden moest gaan. Had hij de oorzaak dezer weigering gekend en
-gezien, dan zou er geen einde aan de plagerijen gekomen zijn.
-
-In den laatsten tijd bracht Meg een groot gedeelte van den dag in hare
-slaapkamer door, die nu, sedert Judy's vertrek, van haar alleen was. In
-de eenzaamheid garneerde zij hare hoeden en veranderde ze telkens
-weer, vermaakte zij hare japonnen, las zij hare novellen, en zat met
-hangende haren voor haar spiegel, peinzende over den tijd, waarin zij
-"groot" zou zijn en een man haar hart zou geschonken hebben. Want
-haar en Aldith scheen alleen deze periode van het leven liefelijk
-en begeerlijk. Meg vlijde zich gaarne in een grooten leunstoel, die
-naar hare kamer was verbannen, omdat de veeren gesprongen waren, en
-droomde dan lang schoone, ijdele droomen van een minnaar met "lange
-zwarte wimpers en eene militaire houding". Natuurlijk was het hoogst
-laakbaar op haar teederen leeftijd van zestien jaren zulke gedachten te
-hebben, maar dan moeten wij bedenken, dat het meisje geene moeder had,
-die deze verdoolde phantasie weer op het goede pad had kunnen brengen,
-en dat zij eene dochter van het Zuiden was.
-
-Australische meisjes beginnen bijna altijd veel eerder over "vrijages
-en zulken onzin", zooals ouderwetsche menschen zeggen, te denken,
-dan hare Engelsche zusters. Terwijl zij nog in de korte-jurken-periode
-zijn, en terwijl haar haar nog los op haar rug hangt, stellen zij de
-levendigste belangstelling in jongens van de naburige scholen, broers
-van andere meisjes, jonge klerken, en dergelijken. Niet omdat zij
-goede speelkameraden zouden kunnen zijn, maar omdat zij hen beschouwen
-in het licht van mogelijke aanstaande "hartsvrienden". Ik zeg niet,
-dat Engelsche meisjes nooit aan zulke dingen denken. Volstrekt niet;
-in iedere school zullen er wel een of twee dwaze, giggelende jonge
-schepseltjes met soortgelijke neigingen te vinden zijn, die met een
-pak klappen weer naar haar cricket en hare poppen toe moesten gezonden
-worden. Maar in dit land der jeugd is het meer regel dan uitzondering,
-en dit is de grootste fout van het zeer jonge Australische meisje. Zij
-is als eene perzik, eene mooie, gave perzik, die bijna in één dag tot
-rijpheid is gekomen, en die haast heeft het teedere waas te vernielen
-dat haar grootste bekoorlijkheid is, alleen om hare schitterende, warme
-kleur duidelijker te doen uitkomen. Aldith had, tot hare voldoening,
-haar eigen "waas" weggewreven, en was op het oogenblik druk bezig
-dat van Meg te doen verdwijnen, dat zeer zacht en liefelijk was,
-voor zij er aan raakte. De novellen hadden iets weggenomen en het
-"Block" nog iets meer, maar zij was van nature verstandig, en het
-duurde lang, eer men aan haar eene verandering kon bespeuren. En
-nu, onder voogdijschap harer vriendin, was zij binnengeleid in de
-verrukkelijke geheimen der liefdesavonturen, en voorloopig vervulde
-de gedachten daaraan haar eenigszins doelloos jong leven. Maar dit
-alles eindigde met eene gebeurtenis, welker herinnering haar nog
-jaren daarna een pijnlijken blos op de wangen jaagde.
-
-Na de Fransche les, die zij, als ik reeds vertelde, tweemaal in de
-week namen, kwamen de vriendinnen gewoonlijk met de boot van vijf uur
-terug. En op deze boot waren ook altijd twee jonge lui, die den naam
-Courtney droegen, en een derde jonge man, Aldith's bijzonder eigendom,
-James Graham. Nu was het jonge volkje met elkaar in kennis gekomen op
-picnics en dergelijke feestjes in den omtrek, maar deze kennismaking,
-in plaats van, nu zij elkaar meermalen ontmoetten, te rijpen tot
-eene hartelijke, aangename vriendschap, had aanleiding gegeven tot
-flauwe geheimzinnigheden en eene aanstellerige verliefdheid. James
-Graham, zeventien jaar oud, was werkzaam op het kantoor van een
-advocaat, en scheen weinig haast te hebben zich tot een flinken
-man te ontwikkelen. Hij droeg een stok, en was zeer gesteld op een
-keurigen hoed en een hoog boord en mooie laarzen, die gewoonlijk
-van bruin leder waren. En hij bezat een knevel, zoo dun, als men er
-zich maar een kan verbeelden, dien hij met groote zorg behandelde,
-en dien Aldith aanbiddelijk vond. Aldith's levendigheid en gevatheid
-vielen in zijn smaak en binnen zeer korten tijd drukten zij elkander
-heimelijk briefjes in de hand, en zuchtten daarbij sentimenteel. Niet
-dat deze briefjes iets buitengewoons bevatten, zij waren gewoonlijk
-tamelijk vormelijk.
-
-"Hooggeachte Miss MacCarthy", luidde bijvoorbeeld een. "Waarom was u
-gisteren niet op de boot? Ik keek naar u uit zoolang ik maar eenigszins
-hopen kon, u nog te zien verschijnen, en moest toen een vervelenden
-tocht op het water maken. Wat staat die groote hoed u allerliefst,
-en die narcissen, die ge draagt, passen beeldig bij uwe japon. Zou
-ik u om een dezer bloemen mogen verzoeken? geef er mij ééne, Aldith!
-
-Met eerbiedige hoogachting
-
- Uw vriend
-
- James Graham."
-
-En Aldith's antwoord, geschreven op een blaadje van haar notitieboekje
-met een rose potloodje, afkomstig van een balboekje, en dat zij altijd
-in hare beurs bij zich had, mocht den volgenden inhoud hebben:
-
-"Waarde Mr. Graham,
-
-Wat mag de reden zijn, dat ge de bloemen, die ik in mijne japon
-gestoken had, verlangt te bezitten? Ik heb ze den geheelen dag
-gedragen, en zij zijn verwelkt en slap. Ik kan mij niet verbeelden,
-wat gij aan haar zoudt hebben. Maar, indien u werkelijk op haar gesteld
-is, zal ik ze u natuurlijk geven. Ik ben zoo blijde, dat mijn hoed
-u bevalt. Ik zal hem nu altijd gaarne dragen. Heeft u mij werkelijk
-gisteren gemist? Ik liet mijn portret maken. Marguerite vindt, dat
-het zeer goed lijkt, ik vind het werkelijk te geflatteerd.
-
- Met een vriendelijken groet
-
- L. Aldith Evelyn MacCarthy."
-
-Een groote vriend van Mr. James Graham was een der reeds genoemde
-Courtneys, en wel degene, dien men Andrew noemde. Hij was een knappe
-jongen van achttien jaren, nog scholier, maar hij bezat hoogst
-innemende manieren en een paar waarlijk mooie oogen.
-
-En sedert zijn vriend en trouwe metgezel James begonnen was "zich
-te interesseeren" voor "de kleine MacCarthy", bedankte hij er voor,
-geheel buiten alles te staan. Dus begon hij op in het oog loopende
-wijze werk te maken van Meg, die tot onder haar zacht, mooi ponyhaar
-bloosde, iederen keer dat hij tot haar sprak, en met een pijnlijk
-verlegen en schuldig gezicht voor zich keek, telkens als hij haar
-iets vleiends zeide.
-
-De andere jonge man, Alan Courtney, was zeer groot en breed van
-schouders, maar zijn gezicht was volstrekt niet bijzonder fraai. De
-uitdrukking van zijn gelaat was ernstig, zijne oogen waren grijs en
-lagen diep in zijn hoofd, zijne bruine haren zagen er uit, alsof hij
-ze gedurig den verkeerden kant op streek. Hij was student, speelde
-uitstekend voetbal, en vermaakte zich op weg naar huis, nooit op de
-manier van Andrew en diens vriend.
-
-Hij gaf gewoonlijk een nauwelijks merkbaar knikje met het hoofd,
-wanneer hij voorbij de kleine groep kwam, nam zijn hoed zoo weinig
-mogelijk als met de voorschriften der beleefdheid in overeenstemming
-te brengen was, af, en liep door naar het verst verwijderde gedeelte
-der boot. Eens toen hij voorbij kwam, keek Aldith juist door hare
-wimpers heen smachtend zijn broeder aan, en Meg was er bijna zeker
-van dat zij hem bij zich zelf had hooren zeggen: "Belachelijke
-zotten!" Hij zat gewoonlijk eenzaam op de boot te rooken--sigaren
-bij het begin van de vaart, en tegen het einde haalde hij een kort,
-zwart, onaanzienlijk pijpje voor den dag--en Meg dacht dan heimelijk,
-dat hij er toch wel mannelijk uitzag, en dan zuchtte zij diep.
-
-Want ik kan u nu even goed als later vertellen, wat er met dit dwaze,
-kleine meisje gebeurd was, na enkele maanden den invloed van Aldith
-en der novellen ondergaan te hebben. Zij was verliefd geworden, en
-dit wel met eene innigheid zoo groot, als dit op den lieven leeftijd
-van zestien jaar maar mogelijk is; en het was op Alan, die niet
-vriendelijk keek, noch aangename manieren had--niet op Andrew, die
-sprekende oogen bezat en lokken, die "zijn voorhoofd deden gelijken op
-de rijzende zon," niet op Andrew, die haar teedere blikken toewierp,
-en haar onder bedekte termen duizend maal verzekerde: "Aan u heb ik
-mijn hart verloren," maar op Alan, die volstrekt geene notitie van
-haar nam dan bij gelegenheid door eene half spotachtige buiging.
-
-Arme Meg! Zij was zeer treurig in dezen tijd, en toch was het eene
-soort van zoete treurigheid, die zij koesterde en voor uitdooven
-bewaarde. Niemand vermoedde haar geheim. Zij zou liever gestorven
-zijn, dan er zelfs tegenover Aldith iets van te laten doorschemeren,
-en ontving Andrew's briefjes en glimlachjes alsof niets haar aangenamer
-kon zijn. Maar zij werd mager, hare oogen schenen steeds grooter te
-worden, en 's avonds schreef zij lange verhalen in haar dagboek, en
-buitendien een snel aangroeiende verzameling gedichten, waarin "hart"
-en "smart," "traan" en "staan," "zwerven" en "sterven," "zucht" en
-"lucht" de meest voorkomende rijmwoorden waren. Zij verdroeg Andrew
-om verschillende redenen. Ten eerste was hij de broer van Alan,
-en vertelde altijd allerlei verhalen van "Al," en pochte hij op de
-kranige figuur, die deze op het voetbalveld maakte; en dan zou Aldith
-haar geheim kunnen raden, indien zij hem geheel afstootte. Buitendien
-had Andrew de langste wimpers, die zij ooit gezien had, en zij moest
-toch iemand hebben, die haar allerlei aangenaams zeide, ook al was
-dit niet degene, van wien zij dit het liefst gehoord had.
-
-Maar eens op een dag kwam er eene crisis.
-
-"Geen tochtjes meer met onze lieve boot, eene geheele maand
-lang!" sprak Aldith, van haar hoekje in de kajuit.
-
-"Dat is verschrikkelijk! Wat bedoelt u, Miss MacCarthy?" zeide James
-Graham, met overdreven wanhopige stem.
-
-"Monsieur H. heeft de klasse eene maand vacantie gegeven. Hij gaat
-naar Melbourne!" antwoordde Aldith met een zucht.
-
-Meg zorgde plichtmatig voor de echo, en Andrew zeide woedend, dat
-Monsieur H. het hangen niet waard was. Hij zou wel eens willen weten,
-waarom hij zoo onmenschelijk handelde; en hoe moesten Jim en hij hun
-leven in dien tusschentijd voortsleepen?"
-
-James was degene, die dadelijk een middel wist, om het leed te
-verzachten.
-
-"Zouden wij met ons vieren niet eens 's avonds kunnen eraan
-wandelen?" sloeg hij voor.
-
-Aldith en Andrew vonden dit voorstel schitterend; en hoewel Meg eerst
-vast besloten het hoofd geschud had, liet zij zich toch overhalen,
-en beloofde mede te zullen gaan.
-
-Zij zouden elkaar ontmoeten in een boschje, dat aan het verst
-verwijderde grasveld van Misrule grensde, ongeveer een uur wandelen,
-en tegen half acht terugkeeren, eer het donker werd.
-
-"Ik zal je dien dag iets vragen, Meg!" fluisterde Andrew toen zij op
-het punt waren, van elkander te scheiden. "Ik ben benieuwd of ik het
-zal krijgen."
-
-Meg bloosde, zenuwachtig en onrustig, en vroeg zich zelve af, of hij
-haar om een haarlok zou verzoeken, iets, wat Jim reeds van Aldith
-gekregen had.
-
-"Wat?" zeide zij werktuigelijk.
-
-"Een zoen!" fluisterde hij.
-
-In het volgende oogenblik hadden de anderen zich bij hen gevoegd,
-en het antwoord vol verontwaardiging, dat haar op de lippen zweefde,
-bleef onuitgesproken. Zij moest hem zelfs hare hand geven, om het
-te doen schijnen, alsof er niets gebeurd was, en oogenschijnlijk als
-goede vrienden van elkander te gaan.
-
-"Precies half zeven, Marguerite! Ik zou het je nooit vergeven, als
-je niet kwaamt!" zeide Aldith, toen zij bij het hek afscheid namen.
-
-"Ik--je--o Aldith! ik begrijp niet, hoe ik zal kunnen komen," stamelde
-Meg, weer met hoogroode wangen. "Ik heb nog nooit zoo iets gedaan. Ik
-ben er van overtuigd, dat het niet goed is."
-
-Maar de minachtende trek om Aldith's mond maakte haar beschaamd over
-zich zelve.
-
-"Je bent geloof ik, twaalf jaar, Marguerite!" zeide deze jonge dame
-kalm; "je bent waarlijk niet ouder dan twaalf jaar! Je deedt beter
-met weer eene pop te nemen, en een prentenboekje met fabeltjes. Ik
-zal Andrew vragen, om je een te koopen, en ook een stuk touw, om je
-in je tafelstoel vast te binden."
-
-Zulk een hoon was te veel voor Meg. Zij beloofde haastig en
-onvoorwaardelijk op den bepaalden tijd aanwezig te zullen zijn, en
-liep snel het voetpad op, om aan de roepstem der hard luidende bel
-voor de thee gehoor te geven.
-
-Gedurende de twee volgende dagen drukte haar geheim haar als een last
-van schuld, en zij verlangde vurig naar eene vertrouwde, die haar zou
-kunnen raden, hoe zij in deze netelige zaak moest handelen. Judy kon
-zij daarvoor niet kiezen: deze was te eerlijk, te verstandig, en had
-daarenboven te veel van een kind en een jongen--zij zou haar nooit
-zoo iets durven vertellen. Zij kon zich den blik van verontwaarding
-in de groote, heldere oogen harer zuster voorstellen, het schaterende
-gelach, dat zulk een verhaal zou uitlokken, de vernietigende, handig
-gekozen plagerijen, die zij trillende, zou moeten aanhooren. Ook
-Esther niet--daar deze immers hare stiefmoeder was, kon Meg het juist
-haar niet vertellen, en buitendien, in het mondje van den Generaal
-verscheen langzamerhand eene dubbele rij witte paarltjes, zijne
-gezondheid werd daardoor aangetast, en veroorzaakte zijne moeder te
-veel zorg, om haar voor Meg's gedruktheid oogen te geven.
-
-Toen de dag, waarop de wandeling zou plaats vinden, genaderd was,
-had zij zich in een toestand van hevige opwinding gebracht.
-
-Half zeven was de afgesproken tijd; zooals zij wist, was het dan
-nog helder licht. Zij zag in, dat zij inderdaad niet mocht, niet
-kon gaan. Veronderstel dat haar vader of Esther, eenige van hare
-spotachtige jongere zusters of broeders, in de nabijheid zouden zijn
-en de ontmoeting zien, of een der buren--zij zou de schande nooit
-kunnen overleven! En toch, gaan moest zij, want anders zou Aldith
-haar verachten. Buitendien had zij zich voorgenomen Andrew kalm
-te zeggen, dat zij hem niet kon veroorloven tot haar te spreken,
-als hij gedaan had. Na de laatste, verschrikkelijke, gefluisterde
-woorden, vond zij het noodzakelijk, hem duidelijk te doen begrijpen,
-dat zij zijn gedrag niet goed vond, en wel "zijne vriendin" wilde zijn,
-maar ook niets anders.
-
-Maar waarom hadden zij niet een uur gekozen als het reeds donkerder
-zou zijn? zeide zij bij zich zelve: dan zou er geen gevaar bestaan van
-gezien te worden; zij zou dan het huis uit kunnen sluipen zonder de
-minste moeielijkheid, en door de grasvelden loopen, beschermd door de
-schemering; terwijl, wanneer het nog licht was, en zij zou beproeven
-ongemerkt weg te vluchten, ten minste twee of drie van de kinderen
-achter haar aan zouden komen loopen en haar edelmoedig zouden aanbieden
-"mede te gaan."
-
-Ten laatste, te bang om, terwijl het nog dag was, te gaan, en ook niet
-willende, dat Aldith boos op haar zou kunnen zijn, omdat zij in het
-geheel niet gekomen was, deed zij in hare opwinding eene wanhopige
-daad--iets zoo gewaagds, dat zij er langen tijd niet dan met afschuw
-aan kon denken.
-
-"Waarde Mr. Courtney,"--schreef zij, voor haar toilet zittende,
-haastig met potlood--"het zou niet aardig zijn, om zoo vroeg te
-wandelen. Laten wij later gaan, wanneer het geheel donker is. Het
-zal dan veel prettiger zijn, want niemand zal ons dan kunnen zien. En
-laten wij elkaar ontmoeten geheel aan het einde der grasvelden, waar
-het boschje zeer dicht is, daar kan niets ons storen. Ik schrijf Aldith
-ook tegen dien tijd te komen, en zij zal het Mr. Graham doen weten.
-
- Geheel de uwe,
-
- M. Woolcot.
-
-P. S. Ik moet u uitdrukkelijk verzoeken, mij niet te kussen. Ik zou
-werkelijk zeer boos zijn, wanneer u het deed. Ik houd daar niet van."
-
-De laatste woorden schreef zij in zenuwachtige haast, want zij had
-grooten angst, dat hij zijn woord zou houden, indien zij dit niet bij
-de eerste de beste gelegenheid voorkwam. Toen deed zij het briefje
-in eene enveloppe en schreef er het adres op, terwijl het zelfs geen
-oogenblik bij haar was opgekomen, er iets vreemds of onbehoorlijks in
-te vinden, dat een jong meisje er zoo op gesteld was, de ontmoeting
-in het donker te doen plaats hebben.
-
-Daarop schreef zij eenige woorden aan Aldith, en zeide haar er vast
-op te rekenen, haar te half negen achter de grasvelden te vinden,
-terwijl zij zelve weg zou sluipen, wanneer de kinderen naar bed gingen
-en haar zeer waarschijnlijk niet zouden opmerken.
-
-En toen ging zij naar den tuin om boden voor de twee briefjes
-te zoeken. De kleine Flossie Courtney had den middag bij Nellie
-doorgebracht, en Meg riep haar terug, juist toen zij het hek door
-ging om naar huis te wandelen, en, zonder dat de kinderen het zagen,
-vertrouwde zij haar het briefje toe.
-
-"Geef dit aan je broer Andrew dadelijk als hij uit school
-komt!" fluisterde zij, en stopte in hetzelfde oogenblik een groot
-stuk chocolade in den mond van het kleine meisje. Bunby werd daarop
-omgekocht, met eene belofte van dezelfde licht smeltende snoepernij,
-om met het andere briefje naar Aldith te loopen, en Meg haalde weer
-vrij adem, daar zij het dreigende gevaar op listige wijze meende
-gekeerd te hebben.
-
-Maar er scheen geen zegen op de briefjes te rusten!
-
-Bunby overhandigde het zijne aan de meid van de familie MacCarthy,
-en gaf op eene vraag van het dienstmeisje ten antwoord: "Ik zal wel op
-antwoord moeten wachten, meisjes moeten er altijd een hebben op niets."
-
-Aldith was aan hare kamer gebonden door eene plotselinge hevige
-verkoudheid, en schreef hare vriendin een briefje, om haar mede te
-deelen, dat zij te ziek was om uit te gaan, en aan Mr. Graham en
-aan Mr. Courtney ook geschreven had, daar zij de wandeling eene week
-wenschte uit te stellen.
-
-Nu kwam dit briefje, in zijne lichtrose, driekante enveloppe, in
-Bunby's zak terecht tusschen zijne knikkers en noten en touwtjes. En,
-als wel te voorzien was, zag hij op den terugweg eenige kameraadjes,
-met wie hij weldra aan den kant van den weg op zijne knieën zat
-te knikkeren.
-
-Hij verloor tien knikkers, en zijne allermooiste, roste een jongen
-af, die zich onwettig in het bezit had gesteld van zijn meest geliefd
-"bastje", kwam een uur later in treurige stemming thuis, en bespeurde
-bij het hek dat hij Aldith's coquet briefje verloren had.
-
-Nu had Meg hem acht chocoladen okkernoten bij zijne terugkomst beloofd,
-en wanneer ons heertje eene zwakheid had, die zich meer deed gelden
-dan de andere, dan was het zijne groote partijdigheid voor deze soort
-van lekkernij, en, daar hij in weken geene enkele geproefd had, was
-het geen wonder dat zijn hart bijna brak bij de gedachte, dat hij ze
-door eigen schuld verbeurd had.
-
-"Ik begrijp wel dat ze onuitstaanbaar genoeg zal zijn om te zeggen,
-dat ik ze niet verdiend heb, alleen omdat ik het gekke briefje van
-dat schepsel verloren heb," zeide hij, diep ongelukkig, tot zich
-zelven, "en ik kan me wel denken, dat er niets anders in stond, dan:
-"Liefste Marguerite, laten wij elkander altijd en altijd onze geheimen
-vertellen"; dat heb ik haar tweemaal hooren zeggen, en dus zal zij
-het nog wel eens schrijven." De verleiding greep hem aan, plotseling,
-stormenderhand.
-
-Bunby was van nature de meest gewetenlooze kleine leugenaar,
-die ooit bestaan had, en alleen Judy's onkreukbare eerlijkheid en
-nadrukkelijk uitgesproken verachting voor al wat onoprecht was,
-hadden hem tamelijk betrouwbaar doen blijven. Maar Judy was mijlen
-weg, en kon hem onmogelijk angstig maken door een blik vol innige
-verstoordheid. Hij stond nu voor de deur der kinderkamer en draaide
-met aarzelende vingers den deurknop om.
-
-"Wat ben je lang weggebleven!" zeide Meg van de tafel, waar zij een
-doos vol handschoenen zat te naaien. "Wat heeft zij gezegd?"
-
-Juist naast haar elleboog stond de begeerlijke bonbonnière, waarin
-de bruine, met fondant omgeven okkernoten lagen.
-
-"Zij zeide: "Het is goed!"" sprak Bunby stuursch.
-
-Meg telde de acht chocolaadjes in hare kleine, onreine hand, en zette
-haar naaiwerk voort met een zucht van verlichting. En Bunby, met een
-schichtigen, schuwen blik in zijne oogen, stopte al de chocolaadjes
-op eens in zijn mond, als om de mogelijkheid van een plotseling berouw
-te voorkomen.
-
-Het andere briefje ging het even slecht. Flossie ging naar huis,
-peinzende over een zeker Kate Greenaway-mutsje, dat Nell beloofd
-had voor hare nieuwe pop te zullen maken.
-
-"Groen met rose lint," zeide zij zachtjes bij zich zelve toen zij de
-trap van het huis haars vaders opging. Alan lag in de veranda in een
-gemakkelijken stoel en rookte zijne zwarte pijp.
-
-"Wat moet groen zijn?" riep hij lachend.--"Guineesche biggetjes
-of kangoeroes?"
-
-"De hoed van Clarice Maud," zeide het kleine meisje, en opende dadelijk
-een ernstig gesprek met hem over de kleur, die hij het geschiktst
-vond voor den wintermantel van dezen wassen jonge dame.
-
-Toen wilde zij het huis binnen gaan.
-
-"Wat steekt daar uit je zakje, Flossie?" zeide hij, toen zij hem
-voorbij liep.
-
-Zij bleef even stilstaan en tastte in haar zak.
-
-"O, dat had ik bijna vergeten, en ik heb beloofd, dat ik er aan zou
-denken,--hier is een briefje voor jou, Alan!" zeide zij, en gaf Meg's
-rampspoedig episteltje in de hand, voor welke het niet bestemd was.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK VIII.
-
-EEN CATAPULT EN EENE CATASTROPHE.
-
-
-De schemering had zich zeer kalm en zeer ongemerkt uitgebreid over
-den tuin, en de grasvelden, en de rivier. Er was een zwak windje aan
-den waterkant, maar het scheen na dezen warmen, langen dag bijna te
-moede om zich te verheffen en het water te rimpelen. Langzaam, zeer
-langzaam nam het grauwe, stille licht af, en een of twee bleeke sterren
-begonnen daar hoog, boven in de lucht, te stralen. In de verte, achter
-de gomboomen, aan gene zijde der rivier, stond eene nog bleeker maan;
-reeds kon eene streep van het water haar een glimlach toezenden. Meg
-hoopte, dat zij niet vóór acht uur boven de kronen der boomen zou
-gerezen zijn, want dan zouden de uitgestrekte grasvelden in een stroom
-van maanlicht baden, en zij zou kunnen gezien worden. Onder de thee,
-en gedurende het eerste gedeelte van den avond, was zij afgetrokken
-en prikkelbaar in haar angst, en twee of drie maal snauwde zij Bunby
-tamelijk onvriendelijk af.
-
-Van een uur of zes af had hij onophoudelijk om haar heen gedraaid.
-
-Het was een karaktertrek van dezen kleinen jongen, dat, wanneer hij
-de verleiding niet had kunnen weerstaan en van het pad der waarheid
-was afgeweken, hij volkomen ongelukkig was, tot hij gebiecht had, en
-met zijne vieze handjes in zijne schreiende oogen had gewreven, tot
-hij een beeld bood "om van te droomen, maar niet om te beschrijven."
-
-Pip zeide, dat dit kwam omdat hij een lafaard was, en de zedelijken
-moed miste om te gaan slapen met eene leugen op zijn geweten uit
-vrees van te zullen ontwaken en een engel met een vlammend zwaard
-naast zijn bed te zien staan. En tot mijn spijt moet ik toegeven,
-dat dit eene meer ware beschouwing van het geval was, dan wanneer
-men aannam, dat de kleine jongen werkelijk overtuigd was van het
-afkeuringswaardige zijner daad, en niets liever wenschte, dan haar
-weder goed te maken. Want als de gelegenheid zich maar voordeed,
-zou hij den volgenden dag weer struikelen, en 's avonds naar dezen
-of genen toekruipen en, met zijne vuistjes in zijne oogen, stamelen,
-dat hij: "iets gezegd had, dat niet waar was, boe-hoe!"
-
-Tegen zeven uur was hij dus dezen avond buitengewoon berouwvol gestemd
-geweest; verscheidene tranen waren langs zijne wangen gerold, en hadden
-zich vermengd met den inkt van het huiswerk, dat hij bezig was voor
-de gouvernante te maken. Hij installeerde zich naast Meg's elleboog,
-en bleef naar haar opzien met een treurigen smeekenden blik, die haar
-in groote verlegenheid bracht, want zij was door zijn vreemd gedrag
-begonnen te vermoeden, dat hij op de eene of andere wijze den inhoud
-van het briefje vernomen had, en haar van haar voornemen zocht af
-te houden. Hoe langer hij haar bleef aanstaren, hoe rooder zij werd,
-en hoe minder zij zich op haar gemak begon te gevoelen.
-
-"Je mag mijne nieuwe c-c-catapult hebben!" fluisterde hij met een
-droevigen, teederen blik, dien zij als eene bede om veilig thuis te
-blijven uitlegde.
-
-Eindelijk stonden de wijzers op acht uur, en op een oogenblik dat de
-kinderen een hevigen woordenstrijd voerden over het bezit van een hond,
-die in den middag Misrule was binnengeloopen, sloop zij onbemerkt de
-kamer uit. Er was niemand in de vestibule, en zij nam het luchtige,
-flatteerende doekje, dat zij daar verborgen had, sloeg het om het
-hoofd, en liep de zijdeur uit en het pad op.
-
-In den tuin was de grond wit van de afgevallen rozenbladeren, en de
-lucht vervuld met hunne laatste geuren; lang, slank pampasgras teekende
-zich met sierlijke lijnen tegen de lucht af; eenige inlandsche boomen,
-die tusschen de gekweekte heesters waren blijven staan, strekten
-zilverwitte armen omhoog naar de maan, en maakten een spookachtigen
-indruk op het voortsnellende meisje. Zij vloog het hek uit en naar
-het eerste grasveld, waarheen de rozengeur niet meer kwam, en waar
-alleen eene scherpe hooilucht in de stille atmosfeer zweefde. Zij zag
-meer gomboomen, en meer witte spookachtige armen; opeens bewoog zich
-iets bij het hek, eenige zacht gefluisterde woorden werden geuit,
-en Meg stootte vol schrik een kreet uit.
-
-"Hier is de c-c-c-catapult, Meg! neem haar maar!" zeide Bunby, met
-een bleek en treurig gezicht.
-
-"Akelige jongen! wat kom je hier doen?" zeide Meg boos, zoodra zij
-van haar schrik bekomen was.
-
-"Ik wilde je alleen maar een genoegen doen, M-M-Meggie!" zeide de
-kleine jongen droevig snikkend.
-
-Hij had zijne beide armen om haar middel geslagen, en begroef zijn
-neus in hare wit mousselinen japon. Zij schudde hem haastig van zich.
-
-"Goed, goed; dank je!" zeide zij. "Ga nu naar huis, Bunby! Ik wilde
-in den maneschijn alleen eene wandeling maken."
-
-Hij stopte zijne vingers zoo diep in zijne oogen als maar eenigszins
-mogelijk was, opende zijn mond, en zijne onderlip trok hij al lager
-en lager naar beneden.
-
-"Ik--ik heb je iets verteld, wat--wat niet waar is!" zeide hij
-schreiend, en heen en weer wiegelend waar hij stond.
-
-"Zoo? Nu, het is goed! Ga nu maar naar huis!" zeide zij ongeduldig. "Je
-vertelt altijd onwaarheden, Bunby, dus ben ik volstrekt niet
-verwonderd. Kom, ga nu!"
-
-"M-maar ik moet je er a-alles van zeggen!" zeide hij, nog altijd
-bezig zijne oogen in zijn hoofd te drukken.
-
-"Het is niet noodig! Voor dezen keer zal ik je vergeven!" zeide zij
-grootmoedig, "maar je moogt het niet meer doen. Ga nu maar gauw naar
-huis, of anders kom je niet klaar met je werk, en dan straft miss
-Marsh je."
-
-Zijne oogen kwamen weer op hun gewone plaats terug, en zoo ook zijne
-handen. Met een volkomen verlicht hart ging hij naar huis. Toen hij
-een paar stappen geloopen had, kwam hij terug.
-
-"Ben je erg gesteld op de catapult, Meg?" zeide hij vleiend. "Je bent
-maar een meisje, en dus denk ik, dat je er niet veel aan zult hebben!"
-
-"Neen, ik heb er niets aan. Hier, daar heb je haar, en denk aan je
-werk!" antwoordde Meg, ongeduldig nu hij zoo treuzelde.
-
-En Bunby, buitengewoon gelukkig, wendde zich voor de tweede maal van
-haar af en liep vroolijk heen.
-
-In wilde haast, bevende, snelde Meg door de twee nog overige
-grasvelden.
-
-In het struikgewas aan het einde was alles stil; er was geen geritsel,
-geen geluid van eene stem, en ook weerklonk niet het geaffecteerde
-lachje, dat gewoonlijk Aldith's aanwezigheid aankondigde.
-
-Meg bleef ademloos staan en gluurde door de takken; eene lange gestalte
-leunde tegen het hek.
-
-"Andrew!" riep zij met gedempte stem, en vergat in haar angst, dat
-zij hem nooit bij den naam noemde. "Waar zijn de anderen? Is Aldith
-niet gekomen?"
-
-Zij rook een sigaar, en dichterbij komende, zag zij tot haar
-doodelijken schrik dat het Alan was.
-
-"O!" riep zij op onbeschrijfelijken toon.
-
-Haar hart bonsde van schrik en schaamte, en scheen toen stil te staan.
-
-Zij zag hem aan alsof zij hem smeekte niet al te slechte gedachten
-van haar te koesteren, maar zijn gelaat vertoonde de uitdrukking
-van minachting, die zij begonnen was zoo te vreezen, en zijne lippen
-krulden zich tot een fijnen glimlach.
-
-"Ik--ik wilde alleen maar even eene wandeling maken; het is zulk een
-mooien avond!" zeide zij, met een akelig gevoel van machteloosheid,
-en toen als om zich te rechtvaardigen, voegde zij er bij: "en dan,
-het zijn de weiden van mijn vader!"
-
-Hij bleef tegen het hek leunen, en keek op haar neer.
-
-"Flossie gaf mij uw briefje, en omdat het voor mij bestemd scheen, en
-zij mij buitendien zeide, dat het voor mij was, maakte ik het open,"
-sprak hij.
-
-"U wist, dat het voor Andrew was!" zeide zij, maar zij keek hem
-niet aan.
-
-"Dat vermoedde ik, toen ik het gelezen had," antwoordde hij langzaam;
-"maar Andrew is van avond nog niet thuis geweest, en dus kwam ik in
-zijne plaats, het is hetzelfde, als het maar een jongen is, nietwaar?"
-
-Het meisje gaf niets ten antwoord, maar hief hare hand op, en trok
-het doekje dichter om haar hoofd.
-
-Zijne lippen krulden zich iets meer.
-
-"En hoe men kust weet ik ook, dat verzeker ik u ... Waarschijnlijk had
-u dat van mij niet verwacht! O ja, ik weet wel, dat u gezegd heeft,
-dat u niet gekust wilde worden, maar dat zeggen de meisjes altijd,
-nietwaar?--zelfs wanneer zij het anders meenen."
-
-Altijd sprak Meg nog niet, en de kalme, onbarmhartige stem vervolgde:
-
-"Ik vrees, dat het nog wel niet donker genoeg voor u is. De maan is
-al heel vervelend, vindt u ook niet? Maar, we kunnen misschien een
-eindje verder nog wel eene donkerder plek vinden, en dan kan ik u
-zonder gevaar zoenen. Nu? is u altijd zoo stil met Andrew?"
-
-"O, spreek niet zoo!" zeide Meg met smeekende stem.
-
-Dadelijk liet hij den spottenden toon varen.
-
-"Miss Meg, u leek vroeger zulk een flink, aardig meisje," zeide hij
-bedaard, "waarom laat u zich bederven door die afschuwelijke Aldith
-MacCarthy, want zij is afschuwelijk, hoewel u er misschien niet zoo
-over denkt."
-
-Meg sprak niet, en bewoog zich niet, en hij vervolgde met een
-vriendelijken ernst, waartoe zij hem niet in staat had geacht.
-
-"Ik heb haar op de boot gade geslagen, en gezien hoe zij u systematisch
-bedierf, en ik kon niet nalaten te denken, hoe jammer dat is. Ik heb
-mij voorgesteld wat ik zou voelen, wanneer mijn klein zusje Flossie
-ooit in de handen van zulk een meisje viel, en begon te coquetteeren
-en zich dwaas aan te stellen, en ik dacht er toen ook aan, of u het
-mij zou kwalijk nemen, als ik er met u over sprak. Is u zeer boos op
-mij, Miss Meg?"
-
-Maar Meg leunde het hoofd tegen het ruwe hek, en begon te
-snikken--kleine, droge, innig droevige snikken, die tot het gevoelige
-hart van den jongeling spraken.
-
-"Ik had niet zoo moeten spreken, als ik in het begin deed--ik ben een
-lomperd geweest," zeide hij vol berouw, "vergeef het mij, wil u? och,
-doe het, Miss Meg, ik zou liever mijne hand afhouwen, dan u werkelijk
-pijn doen!"
-
-Dit laatste was ten minste een kleine troost, en Meg hief eene halve
-seconde lang het hoofd op; wit en ernstig was haar gelaat in het
-maanlicht, en nat van tranen.
-
-"Ik--ik--o! ik ben heusch niet zoo slecht als u denkt," zeide
-zij deemoedig; "ik wilde in het geheel niet gaarne deze wandeling
-maken, en o! heusch, heusch, heusch, ik zou niemand toestaan mij te
-zoenen. Geloof het toch!"
-
-"Ik geloof u, ik geloof u werkelijk," zeide hij met overtuiging;
-"ik heb het alleen gezegd, omdat--wel, omdat ik een groote, ruwe
-lomperd ben, en niet weet hoe ik met een teer, zacht meisje moet
-spreken. Lieve Miss Meg, geef mij uwe hand en zeg mij, dat u mijne
-onbesuistheid vergeeft."
-
-Meg strekte eene kleine, witte hand uit, en hij drukte deze met
-warmte. Toen liepen zij samen door de grasvelden, en scheidden bij
-een gebroken hek, dat toegang gaf tot den tuin.
-
-"Ik zal nooit meer coquetteeren zoolang als ik leef!" zeide zij met
-grooten ernst, toen hij afscheid van haar nam; en hij antwoordde
-bemoedigend:
-
-"Ik ben er van overtuigd, dat u het niet zal doen--dat is iets voor
-meisjes als Aldith! U moest alleen maar daarop gewezen worden. Vaarwel,
-Miss Meg!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK IX.
-
-GEVOLGEN.
-
-
- "Hoe kwam het toch, dat gij dit deedt?
- Berouw komt spoedig, zoo ge weet!"
-
-
-Maar Megs moeielijkheden waren nog niet ten einde. Toen zij het
-huis binnentrad, kwam Nell in de vestibule op haar toe geloopen,
-en staarde haar aan.
-
-"Waar ben je toch geweest?" zeide zij, en hare ronde oogen waren een
-en al verbazing. "Ik heb je overal gezocht."
-
-"Waarom?" vraagde Meg kort.
-
-"Dokter Gormeston en Mevrouw Gormeston en twee dames Gormeston zijn
-in het salon, en ik geloof, dat ze heelemaal niet meer weg gaan."
-
-"Nu?" zeide Meg.
-
-"En de Generaal is weer ziek, en Esther zegt, dat zij hem voor niets
-en voor niemand eene seconde alleen wil laten."
-
-"Nu?" zeide Meg nog eens.
-
-"En vader is zoo kwaad als hij maar zijn kan, en hij moet ze allen
-bezig houden. Hij heeft: "Mijn eerste liefde" en "Mona" gezongen,
-en hij heeft hun alles van zijne paarden verteld, en nu denk ik,
-dat hij niet weet, wat met hen te beginnen!"
-
-"Nu, daar kan ik niets aan doen," zeide Meg met moede stem, en alsof
-wat Nellie zeide, haar in het geheel niet aanging.
-
-"Dat zal dan toch wel dienen!" riep Nell scherp. "Ik heb gedaan wat
-ik kon, hij heeft om de meisjes gezonden, en omdat jij er immers niet
-was, waren er alleen Baby en ik."
-
-"En wat hebben jelui gedaan?" vraagde Meg, nieuwsgierig tegen wil
-en dank.
-
-"O, Baby heeft met de eene juffrouw Gormeston zitten praten, en zij
-vraagden mij, iets op de piano te spelen," sprak zij, "en dus heb
-ik mijn nieuwe stukje gespeeld. Toen ik er mede klaar was, merkte
-ik eerst dat er twee kruisen aan den sleutel staan," voegde zij er
-treurig bij. "En toen heeft Baby aan mevrouw Gormeston verteld hoe
-Judy den Generaal in de kazerne heeft gelaten, en hoe zij daarom naar
-de kostschool gezonden is, en van den groenen kikvorsch, dien Bunby
-haar gegeven heeft, en toen zeide vader, dat wij maar liever naar
-bed moesten gaan, en vraagde, wanneer jij nu toch eindelijk kwaamt."
-
-"Ik ga, ik ga!" zeide Meg haastig, "hij zal er morgen vreeselijk
-woedend om zijn. En, Nell, ga Martha zeggen, dat zij over een half
-uurtje wijn en koekjes binnen brengt."
-
-Zij wierp haar shawltje af, bracht vlug het haar in orde, en keek
-in den spiegel der vestibule of de nachtwind de sporen harer tranen
-had weggevaagd.
-
-Toen ging zij het salon binnen, waar haar vader stond, met een hoogrood
-en ongelukkig gezicht zijn best doende om vier gasten te amuseeren,
-die tot het soort, gewoonlijk bekend als "zwaar op de hand," behoorden.
-
-"Speel eens iets, Meg!" zeide hij, toen de begroeting was afgeloopen,
-en allen in een diep zwijgen dreigden te vervallen; "of zing eens,
-dat is nog beter,--heb je niet iets om te zingen?"
-
-Nu had Meg eigenlijk eene aangename, frissche, niet zeer sterke stem,
-naar welke men wel met genoegen kon luisteren, maar dien avond was
-zij vermoeid en opgewonden en treurig. Zij koos een eenvoudig lied
-en zong dikwijls valsch en zonder de minste uitdrukking.
-
-Zij wist, dat haar vader, zoolang haar gezang duurde, op heete kolen
-stond, en dat hare fouten hem doodelijk ergerden, en toen het lied
-geëindigd was, begon zij, liever dan zich om te keeren, en allen aan
-te moeten zien, Kowalski's Marche Hongroise te spelen. Maar de toetsen
-schenen naar haar toe te komen en hare handen te willen grijpen, en de
-piano scheen te wankelen en verontrustend heen en weer te schuiven;
-zij liet een afschuwelijken dissonant hooren, toen zij, om zich vast
-te houden, naar den muzieklessenaar greep, en gleed een oogenblik
-later van den stoel en viel flauw, juist in Dr. Gormeston's armen,
-die gelukkig bij tijds uitgestrekt werden.
-
-Opgewonden, overprikkeld als zij was, had de drukkende warmte van
-het salon haar bevangen.
-
-Kapitein Woolcot was buitengewoon geschokt door dit voorval; met geen
-enkele van zijne kinderen was ooit te voren zoo iets gebeurd, en toen
-Meg op de sofa lag, en haar blond hoofdje tegen de roode kussens
-steunde, terwijl haar gelaat zoo bleek en zielloos was, geleek zij
-wonderlijk veel op hare moeder, die hij nu vier jaren geleden naar
-het kerkhof gebracht had. Hij ging naar den filter om een glas water
-te halen, en, terwijl het vocht uit de kraan liep, dacht hij er dof
-en werktuigelijk over na, of zijne kleine gestorven vrouw misschien
-ook dacht, dat hij te snel had gehandeld, toen hij Esther tot hare
-opvolgster koos. En daarop, terwijl hij naast de sofa stond, en naar
-dat gelaat keek, dat zooveel had van dat eener doode, dacht hij met
-eene koude huivering, of Meg ook zou sterven, en wanneer dit gebeurde,
-of zij dan die zelfde kleine vrouw zou kunnen zeggen, dat Esther aan
-zijne zijde meer liefde ondervond dan haar deel was geweest.
-
-Zijn gepeins werd afgebroken door de scherpe, verbaasde stem van den
-dokter. Hij sprak met Esther, die haastig was geroepen, en die Megs
-taille had helpen openhaken.
-
-"Het meisje heeft zich veel te veel geregen!" zeide hij. "Dat moet u
-toch ook opgemerkt hebben, mevrouw! Wanneer die drukking altijd even
-sterk is geweest, dan was die alleen al genoeg, om haar half dood te
-maken. Eene flauwte!--het verbaast mij, dat haar zoo iets niet eerder
-overkomen is!"
-
-Eene wolk trok over Esther's liefelijk, nu zoo bezorgd gelaat--nog
-eens was zij in het uitoefenen harer taak te kort geschoten. Haar
-echtgenoot keek haar met een duisteren blik aan, terwijl hij bij de
-sofa stond, waarop de jonge gestalte in hare verkreukte mousselinen
-japon lag, en haar hart zeide haar, dat zij niet als eene moeder voor
-deze kinderen zorgde.
-
-Later, toen Meg te bed lag en alles meer tot kalmte was gekomen,
-zocht zij bijna schuchter haar echtgenoot op.
-
-"Ik ben eerst twintig, Jack! Wees niet hard!" zeide zij met een
-snik. "Ik kan niet geheel voor hen zijn, wat zij voor hen was, is
-het wel zoo?"
-
-Hij kust het jonge, schoone hoofd dat tegen zijn schouder lag, en
-sprak een paar teedere woorden tot haar. Maar telkens en telkens weer
-stond hem dien nacht Megs wit, onbeweeglijk gelaat voor den geest,
-zooals het op de roode kussens gelegen had, en hij wist, dat de wind,
-die de gordijnen voor het venster bewoog, enkele minuten geleden met
-het lange gras op het kerkhof gespeeld had.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK X.
-
-BUNBY ALS HELD.
-
-
-Het was weer eens uitgekomen, dat Bunby een geheel weefsel van
-onwaarheden had verteld. Het was ditmaal een ernstig geval, en hij
-gevoelde zich naar verhouding ongelukkig. Iedereen was uit behalve Meg,
-die nog te bed lag na haar aanval van bewusteloosheid, en hij was op
-een der grasvelden eenzaam een spelletje cricket gaan spelen. Maar
-zelfs niettegenstaande een spiksplinternieuwen cricketbal kan dit
-spel na een poosje alle bekoorlijkheid verliezen, wanneer men geheel
-alleen voor alles staat. Dus bracht hij weldra zijn bal naar den tuin,
-en begon op goed geluk met den bal te gooien, terwijl hij er over
-mijmerde, wat hij zou beginnen. Het paard van zijn vader stond aan
-het andere einde van het grasveld, en loom en zonder na te denken
-ging Bunby naar dien kant en wierp toen zijn bal rakelings over den
-grond naar het dier toe om het "eens op te laten springen." Niets
-lag verder van hem af dan de gedachte, het dier te willen kwetsen,
-en toen de bal tegen den poot van het paard sloeg, en het hinkend
-weg liep, vloog hij naar hem toe, bleek en vol angst. Aan de manier,
-waarop het arme dier den poot hield opgetrokken, en trilde, wanneer hij
-het aanraakte, kon hij merken, dat hij het ernstig bezeerd had. Een
-doodelijke schrik greep hem aan, en hij liep haastig weg, vervuld
-met zijne gewone gedachte, van zich ergens te willen verbergen. Maar
-tot zijne hevige ontsteltenis zag hij, toen hij het grasveld reeds
-half achter zich had, zijn vader met een kameraad door de poort van
-het tuinhek komen en langzaam in de richting van het paard, dat zeer
-kostbaar en fraai was, voortloopen.
-
-Vol berouw over wat hij gedaan had, verborg hij den cricketbal voor in
-zijn matrozenbuisje, en nadat hij zich plotseling op zijne knieën had
-laten vallen, begon hij met grooten ijver te knikkeren. Zijn bevende
-duim had ongeveer een dozijn knikkers her- en derwaarts gestuurd,
-toen hij luide zijn naam hoorde roepen.
-
-Hij stond op, klopte het stof van zijne trillende beenen, en ging
-langzaam naar zijn vader.
-
-"Ga Pat zeggen, dat hij dadelijk hier moet komen!" zeide
-de kapitein. Hij hield den poot van het paard in zijne hand en
-onderzocht dezen vol angst. "Als hij er niet is, zend Pip dan. Ik
-kan niet begrijpen, hoe het gekomen is--weet jij er iets van, Bunby?"
-
-"Wel neen, natuurlijk niet! Ik heb--niets gedaan!" antwoordde Bunby
-klappertandend, maar zijn vader was te afgetrokken om de duidelijke
-kenteekenen van zijne schuld op te merken, en zeide hem dadelijk heen
-te gaan.
-
-Dus ging hij naar den stal, en zond Pat naar zijn vader.
-
-En toen sloop hij het huis binnen, kaapte twee appels en een cake
-uit de eetkamer, en ging weer heen om diep wanhopig te zijn tot het
-oogenblik, waarop hij zou biechten.
-
-Hij kroop naar een leeg staand gebouwtje niet ver van het woonhuis
-gelegen; in vroegeren tijd was dit een stal geweest, en het had twee
-verdiepingen, waarvan de bovenste alleen bereikt kon worden door middel
-van een ladder, die zich in een toestand van groot verval bevond. Bunby
-klauterde naar boven, zette zich innig bedroefd op een bos stroo neer,
-en begon peinzend op een der appels te bijten.
-
-Wanneer er ooit een kleine jongen eene verstandige, liefhebbende moeder
-noodig had, dan was het wel dit ventje met zijn bemorst gezicht en
-zijn bezwaard hart, dat met zijn hoofd tegen een balk vol spinrag zat
-en neerslachtig mompelde: "Ik kan het niet helpen! Het was de schuld
-van het paard!"
-
-Hij meende iets te hooren bewegen op den tweeden zolder, welke
-door een laag beschot van dien, waarop hij zat, gescheiden
-was. "Kischt--kischt, maakt dat je wegkomt!" riep hij, denkende,
-dat er ratten waren. Verscheiden malen stampte hij met zijne zware
-laarzen op den vloer.
-
-"Kischt!" riep hij nog eens.
-
-"Bunby!"
-
-Het kind werd tot in de lippen bleek. Zijn naam, die daar zoo
-vreemd en zacht gefluisterd werd, dat geritsel zoo dicht in zijne
-nabijheid--o! wat zou dat beduiden!
-
-"Bunby!"
-
-Nog eens weerklonk zijn naam. Ditmaal luider, maar de stem, die
-hem uitsprak, was vermoeid, en de klank er van deed hem zonderling
-aan. Het geritsel werd hoorbaarder, er gleed iets over het beschot,
-liep over den vloer, en kwam naar hem toe. Hij snikte van angst en
-wierp zich plat op den grond, en verborg zijn gezicht, waaruit alle
-kleur geweken was, in het stroo.
-
-"Bunby!" zeide de stem nog eens, en eene hand raakte even zijn arm aan.
-
-"Help me--help me!" gilde hij. "Meg--vader--Esther!"
-
-Maar op zijn mond werd haastig eene hand gelegd, en eene andere trok
-hem omhoog.
-
-Hij had zijne oogen zeer vast gesloten, om den geest niet te zien, die,
-zooals hij wist, gekomen was om hem voor zijne zonden te straffen. Maar
-iets dwong hem, ze te openen, en toen--kon hij ze van verbazing niet
-weer sluiten.
-
-Want het was Judy, die hare hand op zijn mond had gelegd, en Judy,
-die naast hem stond.
-
-"Groote hemel!" zeide hij, vol innige verwondering. Hij staarde haar
-aan om zich te overtuigen, dat zij werkelijk van vleesch en bloed
-was. "Hoe kom jij hier?"
-
-Maar Judy gaf geen antwoord. Zij nam eenvoudig den appel, die nog
-over was, en den cake uit zijne hand en, nadat zij was gaan zitten,
-at zij deze zwijgend op.
-
-"Heb je niets anders?" vraagde zij angstig.
-
-Toen merkte hij eerst op hoe mager zij was, en hoe slecht zij er
-uit zag. Hare kleederen hingen bijna in flarden om haar lichaam,
-hare laarzen waren gescheurd en wit van het stof, haar bruin gezicht
-was ingevallen en toonde scherpe lijnen, en haar haar was dof en hing
-woest in vlokken om haar hoofd.
-
-"Groote hemel!" zeide Bunby nog eens, en zijne oogen schenen uit zijn
-hoofd te zullen rollen--"groote hemel, Judy, wat heb je uitgevoerd?"
-
-"Ik--ik ben weggeloopen, Bunby!" zeide Judy met trillende stem. "Ik
-heb den geheelen weg, van de school tot hier, te voet afgelegd. Ik
-had zulk een verlangen naar jelui allen!"
-
-"Wel heb ik van mijn leven!" zeide Bunby.
-
-"Ik heb eerst alles goed overlegd," vervolgde Judy, terwijl zij met
-eene loome beweging, het haar naar achteren streek. "Ik kan mij nu
-niet alles herinneren, ik ben zoo moede, maar alles zal in orde komen."
-
-"Maar wat zal hij zeggen?" riep Bunby met verschrikte oogen, want
-hij had aan zijn vader gedacht.
-
-"Hij zal er natuurlijk niets van te weten komen," antwoordde Judy op
-een toon, alsof zij vond, dat dit van zelf sprak. "Ik zal hier op dezen
-zolder een tijdje wonen, en jelui kunt mij hier allen komen bezoeken
-en mij eten en allerlei brengen, en dan zal ik weer terug gaan naar
-school." Zij zonk achterover in het stroo en sloot gedurende een paar
-minuten uitgeput hare oogen; Bunby kon de oogen niet van haar afwenden.
-
-"Hoe ver is het van je school tot hier?" zeide hij eindelijk.
-
-"Zeven en zeventig mijlen." Judy trilde terwijl zij sprak. "Van Lawson
-tot Springwood heb ik in een goederentrein gezeten, en een klein
-eind heb ik ook nog in een kar afgelegd, maar overigens heb ik alles
-geloopen. Ik ben bijna eene week onderweg geweest," voegde zij er na
-een oogenblik zwijgens bij, en sloot toen weer voor geruimen tijd de
-oogen. Een paar tranen, die zij uit zwakte en uit medelijden met zich
-zelve schreide, drongen tusschen hare zwarte wimpers door en lieten
-een smal, helder spoor op hare wangen na. Bunby voelde, hoe zijn keel
-dichtgenepen werd bij dit gezicht, zoo lang hij zich kon herinneren,
-had hij Judy nooit zien schreien. Hij liefkoosde hare magere hand,
-hij wreef zijn hoofd tegen haar schouder en zeide: "Houd je goed,
-houd je goed!" met min of meer onvaste stem.
-
-Maar dit maakte, dat een half dozijn groote, zware druppels tusschen
-de gesloten oogleden doorstroomden, en Judy draaide zich om, en legde
-zich voorover om hare tranen te verbergen. Toen richtte zij zich in
-eene zittende houding op, en begon werkelijk te lachen.
-
-"Als nu de dames Burton mij eens konden zien!" zeide zij. "O, ik
-heb alles zoo slim bedisseld; zij denken, dat ik veertien dagen te
-logeeren ben in Katoomba--o Bunby, je moest de krullen eens kunnen
-zien, die Miss Marian tegen haar wangen geplakt draagt!" Zij zweeg,
-lachte zenuwachtig opgewonden, en begon toen te hoesten, tot de tranen
-weer in hare oogen kwamen.
-
-"Ga gauw iets voor mij halen om te eten," zeide zij wrevelig, toen
-zij weer op adem kwam, "je kondt ook wel eens bedenken, dat ik sedert
-gisteren morgen niet gegeten heb; maar, je hebt altijd alleen aan je
-zelven gedacht, Bunby!"
-
-Hij stond op en maakte zich gereed heen te gaan, alles in de grootste
-haast. "Wat wil je hebben? Wat zal ik halen?" zeide hij, en een been
-stond reeds op de bovenste trede.
-
-"Alles is goed, als het maar veel is," zeide zij,--"het komt er niet
-op aan, wat het is! Ik geloof, dat ik dit stroo zou kunnen eten,
-en de balken zou kunnen stukbijten alsof ze van beschuit waren. Het
-heeft mij werkelijk moeite gekost, niet met jou te beginnen, Bunby! Je
-bent zoo dik, dat er aan jou menig goed kluifje moet zijn!"
-
-In hare oogen tintelde de oude levenslust, maar zij begon opnieuw te
-hoesten, en toen de hoestbui bedaard was, lag zij uitgeput neer.
-
-"Roep een van de anderen!" riep zij met zwakke stem, toen zijn hoofd
-verdween. "Jij alleen bent niet van groot nut!"
-
-Zijn hoofd dook weer een oogenblik op, en hij beproefde met een
-glimlach het leed, dat hare woorden hem veroorzaakten, te verzetten,
-want juist op dat oogenblik zou hij zonder een zucht te slaken voor
-haar gestorven zijn.
-
-"Het spijt mij erg voor je, Judy!" zeide hij vriendelijk, "maar alle
-anderen zijn uit. Kan ik je niet helpen? Ik zal alles graag voor je
-doen, Judy!"
-
-Judy lette niet op het zachte gesnuif, dat de laatste woorden
-vergezelden, en keerde haar gelaat naar den muur.
-
-Weer rolden twee groote tranen langs hare wangen.
-
-"Hadden zij nu niet thuis kunnen blijven?" zeide zij met een
-snik. "Konden zij nu niet begrijpen dat ik mijn best zou doen, om
-terug te komen. Waar zijn zij?"
-
-"Pip is gaan visschen," antwoordde hij, "en Nell draagt de mand voor
-hem. En Baby is bij de Courtney's, en Esther is met den Generaal naar
-de stad gegaan. En Meg ligt ziek te bed, omdat zij gisterenavond te
-stijf geregen was en flauw gevallen is."
-
-"Zij zullen mij wel geen oogenblik gemist hebben!" was hare bittere
-gedachte, toen zij hoorde, hoe alles zijn gewonen gang ging, terwijl
-zij zooveel doorgemaakt had, alleen om hen allen te zien.
-
-Toen kwam weer dat gevoel van zwakte terug, en zij sloot hare oogen
-en lag volkomen stil, tijd, plaats en honger vergetende.
-
-Bunby spoedde zich met gevleugelden tred over het grasveld; het
-gezicht van zijn vader, die bij den stal stond, veroorzaakte hem een
-plotselingen schrik, en deed hem aan zijne eigen zorgen denken, maar
-deze gedachten zette hij van zich af, en vloog verder. De deur van de
-provisiekamer was gesloten. Martha, de keukenmeid, zorgde er wel voor,
-dat dit meestal het geval was, wegens zijne eigen zondige voorliefde
-voor hare taarten en gebakken; alleen door middel eener krijgslist
-zou hij er in kunnen komen, dit moest hij, tot zijn spijt, zelf inzien.
-
-Maar Judy's honger! Geen eten gehad te hebben sedert gisteren morgen!
-
-Hij herinnerde zich, zelfs nu nog met eene aandoening van pijn, het
-afschuwelijke gevoel dat hij de vorige week gehad had, toen hij voor
-straf zonder thee naar bed was gestuurd. Hij sloot de lippen vast
-op elkander en zijne oogen straalden van de geestdrift, waarmede een
-heldhaftig besluit hem bezielde.
-
-In den zijmuur van het huis was het venster der provisiekamer;
-dikwijls had hij er verlangend naar opgezien, maar hij had nooit
-gewaagd er in te klimmen, want een vreeselijke, kruipende cactus wond
-zich tegen den muur.
-
-Maar nu, voor Judy, zou hij het doen of sterven. Hij liep om het huis
-en naar het zijvenster; er was niemand te bespeuren, overal scheen het
-even rustig. Martha, dit had hij gezien, was in de keuken bezig met
-kooken, en het andere dienstmeisje witte de veranda aan de voorzijde
-van het huis. Hij wierp een vastberaden blik op de groote, puntige
-dorens, en klom in het volgende oogenblik tusschen hen door omhoog.
-
-O, wat prikten en schramden zij hem! Zijn eene arm gaapte met eene
-groote wond, zijn linkerkous werd weggescheurd en een diepe roode
-schram werd op zijn been zichtbaar, zijne handen bloedden en trilden
-van pijn.
-
-Maar hij had de vensterbank bereikt, en dat was zijn doel.
-
-Hij schoof het kleine raam omhoog, en wrong met veel moeite zijn
-dik lichaampje er doorheen. Toen kwam hij op eene plank terecht, en
-liet zich van daar op den grond glijden. Hij had geen tijd om naar
-zijne kwetsuren te kijken, slechts een weemoedige blik sloeg hij op de
-breedste schram en begon toen naar proviand te zoeken. De provisiekamer
-was merkwaardig leeg--geen bewijsje van cakes, geen hapje gelei, geen
-gevogelte waar ook. Hij brak een groot stuk van een brood, en pakte
-zorgvuldig wat boter in een courant. Er stond nog koud vleesch op een
-schotel, hij sneed er een stevige homp van af, en vereenigde dit met
-een stuk van een zandtaart tot een pakket. Hij borg dit alles in zijn
-matrozenbuisje, en vulde zijne zakken met sinaasappels, geconfijte
-citroenschillen, krenten en andere lekkernijen, die hij alle in
-de stopflesschen vond. En toen maakte hij zich tot den moeielijken
-terugtocht gereed.
-
-Hij klom op de plank, stak zijn hoofd buiten het venster, en wierp
-een wanhopigen blik op den cactus. En in het oogenblik, dat hij
-nederknielde, weerklonk achter hem het geluid, dat een sleutel maakt,
-als hij in een slot wordt omgedraaid.
-
-Radeloos keek hij om zich heen,--daar stond Martha in de deur, en
-tot zijn doodelijken schrik sprak zij met zijn vader, die zich in de
-gang bevond.
-
-"Ik zoek de arnica!" zeide de kapitein. "Naar alle waarschijnlijkheid
-is zij in de provisiekamer, omdat ze daar niet hoort te zijn. Ik heb
-haar in mijne slaapkamer op den schoorsteenmantel laten staan, maar de
-een of ander schijnt noodig gevonden te hebben, er aan te komen. Waarom
-kunnen jelui toch niet met je handen van mijne zaken afblijven?"
-
-"En waarom zou ik haar ergens anders gezet hebben?" antwoordde
-Martha. "Ik maak er mijn beslag niet mede aan, om het gebak luchtig
-te doen zijn, ten minste in den regel niet."
-
-Zij schudde het hoofd, en door deze beweging werd zij de kleine,
-knielende, bevende gestalte bij het venster gewaar.
-
-Nu was de deur maar half open, en haar meester stond juist op den
-drempel, dus kon zij alleen van het schouwspel genieten.
-
-Tweemaal opende zij den mond om te spreken, maar Bunby keek haar
-zoo innig smeekend aan, dat zij hem weer sloot en zelfs de flesschen
-op de plank naast de deur begon na te zien, om hem gelegenheid tot
-ontsnappen te geven.
-
-Nog ééne minuut en hij zou gered zijn geweest--nog ééne minuut en
-hij zou midden tusschen de doornen van den cactus hebben gehangen,
-die nu evenwel al het afschrikwekkende verloren hadden.
-
-Maar het lot was hem niet gunstig. En dit kwam alleen, omdat Martha
-Tomlinson's schoen een afgeloopen hak had. Toen zij zich omdraaide
-glipte haar voet uit haar schoen, en om haar evenwicht te bewaren,
-strekte zij eene hand uit. En toen zij de hand uitstrekte stootte
-zij tegen eene kruik. En de kruik deelde den schok mede aan een
-schotel. Deze sloeg om, en schoof de groote melkkan van de plank,
-zoodat zij op den grond sloeg. Ik weet niet, of ge ooit beproefd hebt,
-een planken vloer schoon te maken, nadat er melk op gevallen was, maar
-in ieder geval ben ik er van overtuigd, dat ge u wel kunt voorstellen,
-dat het een onaangenaam werk is, vooral als ge hem denzelfden morgen
-pas duchtig geschrobd had. Men kan er zich dus eigenlijk niet over
-verbazen, dat Martha, in hare groote woede over het ongeluk, zich
-boos omwendde, en naar het kind wijzende, dat als versteend in het
-venster zat, op wanhopigen toon vraagde, hoe de goede heiligen het met
-dien akeligen jongen konden uithouden, haar geduld, in ieder geval,
-was ten einde.
-
-De kapitein kwam met een woedenden stap de provisiekamer binnen,
-en commandeerde Bunby met luide stem, naar beneden te komen.
-
-Het jongentje liet zich in hevigen angst op den grond glijden.
-
-"Hij steelt en pakt overal wat weg, en hij liegt dat hij zwart
-ziet!" zeide Martha Tomlinson, terwijl zij met een onvriendelijken
-blik naar het ongelukkige kind keek.
-
-Twee, drie, vier, vijf woedende tikken met de rijzweep, die de kapitein
-in de hand had, en Bunby dook onder zijn arm weg en vluchtte huilende
-de gang door en de achterdeur uit.
-
-Hij liep over de grasvelden, en snikte bij iederen voetstap, maar
-voelde zich tegelijkertijd door het verheffende gevoel bezield,
-dat hij dit alles droeg terwille van een ander.
-
-Had iemand hem dit vroeger voorspeld, dan zou hij het nauwelijks hebben
-kunnen gelooven, dat hij ooit zoo iets edels volbrengen zou, en de
-gedachte daaraan verzachtte de pijn, die de klappen en de schrammen
-hem veroorzaakten. Hij beproefde zijn gesnik te onderdrukken, toen
-hij het gebouwtje bereikte, en stopte zelfs voor dat doel eene handvol
-krenten in zijn mond, voor hij er was aangekomen.
-
-Maar het gezicht, dat weer te voorschijn kwam door het luik naast Judy,
-was hoogst treurig, en droeg de sporen van tranen en van krabben.
-
-Zij bewoog zich niet, hoewel hare oogen half geopend waren, en hij
-knielde neer en raakte haar schouder aan.
-
-"Hier breng ik je wat, Judy! Wil je nu niet iets eten?"
-
-Zij schudde langzaam het hoofd.
-
-"Neem wat koud vleesch, of wat rozijnen; ik heb ook geconfijte
-citroenschil, als je daar soms meer zin in hebt!"
-
-Zij schudde nogmaals het hoofd. "Neem alles maar weer mede weg!" zeide
-zij zacht kermend.
-
-Diepe teleurstelling was op zijn klein, verhit gelaat te lezen.
-
-"En ik heb doodsangsten uitgestaan om het te krijgen! He, wat ben je
-een akelig spook!" riep hij.
-
-"Ach, ga heen!" kermde Judy, terwijl zij haar hoofd onrustig dan
-naar deze, dan naar gene zijde bewoog. "O, wat doen mijne voeten mij
-pijn! neen--mijn hoofd, en mijne zijde--o, ik weet niet wat ik heb!"
-
-"Hier en hier heb ik slaag gehad," zeide Bunby, de plaatsen
-aanwijzende, en met zijne mouw veegde hij de dikke tranen weg, die
-hij om zijn eigen ongeluk geschreid had. "Die ellendige oude cactus
-heeft me overal gekrabd!"
-
-"Denk je, dat ik nog veel mijlen zal moeten afleggen?" zeide Judy,
-en zoo vlug, dat de woorden in elkaar schenen te vloeien. "Ik heb
-honderden geloopen, en ben nog niet thuis. Ik denk, dat het komt,
-omdat de aarde rond is, en ik zal zeker spoedig het schoolhek weer
-binnen komen!"
-
-"Wees niet zoo idioot!" zeide Bunby knorrig.
-
-"Ik kan er zeker en stellig op rekenen, nietwaar Marian, dat je er
-nooit een woord van zult zeggen, ik vertrouw op je, en als je doet wat
-je beloofd hebt, kan ik naar huis gaan en weer terug komen, en niemand
-zal er ooit iets van weten. En leen mij twee shillings, wil je? Ik
-heb niet veel geld meer. Bunby, egoïste jongen, haal mij toch wat
-melk! Urenlang vraag ik je er al om, en je laat mij maar versmachten!"
-
-"Eet wat vleesch, Judy!--ach Judy, wees niet zoo vreemd en onaardig,
-ik heb werkelijk doodsangsten uitgestaan toen ik het voor je haalde,"
-zeide Bunby, en beproefde met trillende vingers een stuk in haar mond
-te duwen.
-
-Het kleine meisje wierp zich op de andere zijde en begon weer te
-kreunen.
-
-"Zeven en zeventig mijlen," zeide zij, "en gisteren heb ik elf
-geloopen, dat is dus elfhonderd zeven en zeventig--en zes den dag
-daarvoor omdat ik eene blaar op mijn voet had--dat is elfhonderd
-drie en tachtig. En als ik tien mijlen per dag loop, zal ik thuis
-zijn in elfhonderd drie en tachtig maal tien, dat is duizend
-en--en--hoeveel? hoeveel is het? Bunby, kind, kan je mij niet
-zeggen hoeveel? Mijn hoofd doet te veel pijn om uit te rekenen
-hoeveel jaren duizend en zooveel dagen in jaren zijn--dat is een
-jaar,--twee jaar--twee jaar--drie jaar voor ik er ben. O, Pip, Meg,
-drie jaar! O Esther! vraag hem, vraag hem of hij me niet wil laten
-thuiskomen! Drie jaar--drie--drie!"
-
-De laatste woorden werden bijna gillend uitgestooten en het kind
-richtte zich op, en beproefde te loopen.
-
-Bunby greep haar arm en hield haar vast.
-
-"Laat me gaan, versta je mij niet?" zeide zij met heesche stem. "Zoo
-zal ik er nooit komen! Drie jaren, en zooveel mijlen!"
-
-Zij duwde hem op zijde en wilde over den zolder loopen, maar hare
-knieën knikten en zij viel buiten kennis neer. "Meg--ik ga Meg
-halen!" zeide de kleine jongen met trillende, angstige stem, en hij
-gleed door de opening en spoedde zich naar huis.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XI.
-
-EENE VLUCHTELING.
-
-
-Als een wervelwind stoof hij Meg's slaapkamer binnen. "Zij is in
-het oude gebouwtje, Meg, en, zeker weet ik het niet, maar ik denk,
-dat zij gek geworden is; en ik ben vreeselijk geslagen geworden,
-en de cactus heeft me bijna heelemaal open gekrabd, en ik heb toch
-niets gezegd. En nu wil ze niet eens eten. Zij is weggeloopen--ik
-geloof zeker, dat ze gek is!"
-
-Meg beurde haar bleek, ontzet gelaat van het kussen op.--"Wie dan
-toch--wat--"
-
-"Judy!" zeide hij, en barstte door overspanning in tranen uit. "Zij
-is in het oude gebouwtje, en ik geloof, dat zij gek is geworden!"
-
-Meg stond langzaam op, deed hare kleeren aan, en zelfs toen nog
-niets van het avontuurlijke verhaal geloovende, ging zij met hem
-naar beneden.
-
-In de vestibule ontmoetten zij hun vader, die juist uit wilde gaan.
-
-"Ben je weer beter?" zeide hij tot Meg. "Je hadt den geheelen dag in
-bed moeten blijven, maar, misschien zal de lucht je goed doen."
-
-"Dat denk ik ook," antwoordde zij werktuigelijk.
-
-"Ik kom in de eerste uren niet naar huis--het zou zelfs kunnen zijn,
-dat Esther en ik eerst morgen ochtend terug kwamen."
-
-"Goed!" sprak Meg.
-
-"Pas vooral op de kinderen, en wees zelve voorzichtig--en, dat is
-waar ook, Bunby gaat vandaag zonder thee naar bed--hij zal niet van
-honger sterven, daar ben ik zeker van."
-
-"Goed!" zeide het meisje nogmaals, en zij kwam eerst tot het besef van
-wat de laatste woorden beduidden, toen Bunby dicht bij haar elleboog
-verbolgen: "Gemeen!" fluisterde.
-
-Toen kwam de dogcart voor, en de kapitein vertrok tot hunne
-onuitsprekelijke verlichting.
-
-"Nu, wat is dit voor eene dwaze geschiedenis?" zeide Meg, terwijl
-zij zich tot haar broertje wendde. "Het zal wel weer een van je
-verzinseltjes zijn, kleine ondeugende jongen!"
-
-"Kom maar mee!" antwoordde Bunby, en hij leidde haar door de
-grasvelden. Halverwege ontmoetten zij Pip en Nell, die vroeger dan
-plan was geweest van de vischvangst terugkwamen. Nellie keek treurig
-voor zich, en liep op een eerbiedigen afstand achter haar broeder aan.
-
-"Men zou even goed een phonograaf mee kunnen nemen als Nellie!" zeide
-hij, een blik vol toorn op deze schuldige werpend. "Zij heeft den
-geheelen tijd door gebabbeld, zoodat ik geen oogenblik kans had,
-dat een visch zou aanbijten."
-
-"Judy is thuis!" zeide Bunby, vol van het groote nieuws. "Niemand heeft
-haar gezien behalve ik, ik heb mijn leven voor haar gewaagd door op
-cactussen te klimmen en in vensters en wat al niet, en ik heb slaag
-gehad van vader, maar ik heb toch niets verteld, nietwaar, Meg? Ik heb
-haar hier in het oude gebouwtje ondergebracht, en heb vleesch en van
-allerlei voor haar gehaald--kijk nu toch eens even naar mijne beenen!"
-
-Vol fierheid toonde hij zijne schrammen, maar Meg ging haastig verder,
-en Pip en Nellie volgden, een en al verbazing. Bij het gebouwtje
-gekomen stonden zij stil.
-
-"Het is een grap van Bunby!" zeide Pip verachtelijk. "Het is nog niet
-de eerste April, mijn zoon!"
-
-"Kom dan toch mee!" antwoordde Bunby, en klom omhoog. Pip volgde,
-en stootte een zachten kreet uit; daarop klauterden Meg en Nell,
-met meer moeite, naar boven, en toen was het gezelschap bijeen.
-
-Judy was tot rust gekomen, en lag met wijd geopende oogen, moede,
-naar de dakbalken te staren.
-
-Zij keek hen glimlachend aan, toen zij zich allen om haar
-schaarden. "Als Mahomet niet naar den berg wil komen..." zeide zij,
-en hoestte toen twee of drie minuten lang.
-
-"Wat ben je begonnen, Judy, zusjelief?" zeide Pip, met eene vreemde
-trilling in zijne stem. Het gezicht van zijne lievelingszuster,
-die mager, met holle wangen, uitgeput daar neer lag, greep zijn warm
-jongenshart aan. Er kwam een nevel voor zijne oogen.
-
-"Hoe ben je hier gekomen, Judy?" zeide hij, sterk met de oogleden
-knippend.
-
-En het meisje keek tot hem op met haar eigenaardigen, stralenden
-blik. "Rijpaardjes houden ze er bij ons op school niet op na,"
-zeide zij, "maar misschien dacht je, dat ik in een ballon hierheen
-was komen drijven?"
-
-Weer hoestte zij.
-
-Meg viel op hare knieën en sloeg hare armen om haar klein, mager zusje.
-
-"Judy!" riep zij. "O, Judy, Judy, mijn arm kind!"
-
-Judy lachte even en noemde haar dwaas, maar weldra verdween die
-opgeruimde stemming en begon zij zenuwachtig te snikken. "Ik heb zulk
-een honger!" zeide zij ten laatste droevig.
-
-Alle vier sprongen op, als wilden zij de gezamenlijke magazijnen van
-Sydney leeg gaan dragen, om haar honger te stillen. Maar Meg ging
-weer zitten en legde het hoofdje met de woeste krullen in haar schoot.
-
-"Pip, ga jij naar huis," zeide zij, "en haal wijn en een glas, en in
-den vliegenkast staat een gebraden kip; ik kreeg daar een gedeelte
-van bij den lunch, en Martha zeide, dat zij het overblijvende zou
-wegzetten, en dat ik het bij de thee kon krijgen; en kom gauw terug,
-Pip!"
-
-"Natuurlijk!" zeide Pip bij zich zelven, en hij vloog de trap af,
-naar het woonhuis.
-
-"Wel heb ik van mijn leven!" zeide Martha, toen zij hem vijf minuten
-later in de gang tegenkwam, en hij eene karaf van geslepen glas onder
-den arm had, een wijnglas bij zich had dat hij met de tanden bij den
-voet vasthield, en een schotel met koude kip in zijne hand droeg,
-waarop ook nog een stapeltje boterhammen lag. "Wel heb ik van mijn
-leven! En wat nu nog meer?"
-
-"Loop naar je grootje!" zeide Pip, stormde haar in groote haast
-voorbij, en maakte een omweg om naar het gebouwtje te komen, daar
-hij dacht, dat zij hem wellicht bespiedde.
-
-Hij knielde naast zijn zusje neer, en verkwikte haar met kleine
-stukjes kip en teugen wijn, en streek over haar woesten haardos,
-en noemde haar wel vijftig maal zijn liefste zusje, en smeekte haar
-toch vooral nog een beetje te eten.
-
-En Judy, die den blik der bruine, vochtige oogen boven haar,
-opving, at alles wat hij haar gaf, hoewel het haar in het begin bijna
-onmogelijk scheen. Zij zou hebben gegeten, al had hij haar olifantshuid
-aangeboden, nu zij gevoelde, dat zij van dezen broeder meer hield,
-dan van wien ook op de geheele wereld, en dat hij zulk een verdriet
-had. En het voedsel deed haar goed, zij ging opzitten en praatte na
-eene korte poos op geheel natuurlijken toon.
-
-"Je hadt het heusch niet moeten doen, Judy, heusch niet! En wat vader
-tegen je zal zeggen, nu, dat zullen we moeten afwachten."
-
-"Hij zal er nooit iets van weten, dat ik hier ben," antwoordde zij
-snel. "Ik zou het jelui nooit vergeven, als je het hem verteldet. Ik
-kan maar eene week hier blijven. Ik heb alles uitstekend ingericht,
-en ik zal op dezen zolder logeeren; vader komt hier nooit, dus ben
-ik hier veilig, en jelui komt mij eten brengen. En na eene week"--zij
-zuchtte diep, "moet ik weer weg!"
-
-"Heb je werkelijk al die mijlen geloopen alleen om ons weer te
-zien?" zeide Pip, en weer was er die vreemde trilling in zijne stem.
-
-"Een paar maal onder weg heb ik kunnen sporen of rijden," zeide zij,
-"maar overigens heb ik altijd geloopen, ik ben bijna eene week
-onderweg geweest."
-
-"Hoe heb je dat kunnen uithouden, Judy? Waar sliep je, wat at je?" riep
-Meg uit, met groote droefheid.
-
-"Dat ben ik bijna alweer vergeten!" zeide Judy, en zij sloot hare
-oogen. "Ik heb aan kleine woningen om eten verzocht, en soms vraagde
-men mij, of ik niet wilde blijven slapen. En dan had ik nog drie
-shillings en zes pennies--daar ben ik lang mede toegekomen. Ik heb
-maar twee nachten buiten geslapen, en toen had ik toch altijd mijn
-manteltje."
-
-Megs gelaat was bleek van ontsteltenis, bij het verhaal van haar
-zusters avonturen. Zeker zou geen ander meisje dan Judy Woolcot op
-het buitensporige denkbeeld zijn gekomen al die mijlen te voet af te
-leggen met drie shillings en zes pennies in den zak.
-
-"Hoe heb je het kunnen doen?" was alles, wat zij zeide.
-
-"Ik was niet van plan geweest, den geheelen weg te loopen," zeide Judy
-met een flauw glimlachje. "Ik had zeven shillings in een stukje papier
-in mijn zak gestoken, evenals de drie shillings en de zes pennies,
-en ik wist, dat ik daarvoor een heel eind zou kunnen komen met den
-trein. Maar ik verloor het eene papiertje onder weg, en ik wilde daar
-niet voor teruggaan, dus moest ik natuurlijk loopen."
-
-Meg raakte hare wang even aan.
-
-"Het is geen wonder, dat je zoo mager geworden bent!" zeide zij.
-
-"O, Marian en ik hebben alles bedisseld!" zeide Judy, met een
-glimlach. "Marian is mijn vriendinnetje en zij doet alles wat ik haar
-zeg. En zij woont in Katoomba."
-
-"Nu?" zeide Meg nieuwsgierig, toen hare zuster zweeg.
-
-"Nu, zie je, heel veel meisjes op school hebben de mazelen, en dus
-moest Marian thuis komen, want hare familie was bang dat zij ze ook
-zou krijgen. En Marians moeder had mij gevraagd, een veertien dagen
-mede te komen, en dus had Miss Burton aan vader geschreven en gevraagd
-of ik mocht. En toen heb ik een brief geschreven en gevraagd, of ik
-die veertien dagen niet liever thuis mocht komen."
-
-"Daar heeft hij nooit iets van gezegd!" zeide Meg zacht.
-
-"Neen, dat kan ik wel begrijpen. Nu, hij heeft terug geschreven
-en antwoordde mij "neen" en haar "ja." En dus brachten zij ons op
-een goeden dag naar den trein, en in Katoomba zouden wij afgehaald
-worden. En toen wij onderweg waren, kwam ik plotseling op de gedachte:
-"Waarom zou ik niet op mijn eigen houtje naar huis gaan?" Dus zeide ik
-Marian, dat zij thuis moest vertellen, dat ik naar huis was gegaan,
-en dat zij haar verhaal zoo moest inrichten, dat niemand er aan zou
-denken, hierover aan Miss Burton te schrijven. En toen hield de trein
-in Blackheath op, en ik sprong er uit, en zij ging naar Katoomba, en ik
-kwam naar huis. Dat is de geheele geschiedenis. En dus, jelui begrijpt,
-daar ik mijn geld verloren had, bleef mij niets over dan te loopen."
-
-Meg streek over het stoffige, verwarde haar van haar zusje.
-
-"Maar je kunt hier niet eene week lang logeeren!" zeide zij
-bezorgd. "Door het slapen in de open lucht heb je je eene ernstige
-verkoudheid op den hals gehaald, en ik ben er van overtuigd, dat je
-ziek bent. Wij zullen alles aan vader moeten zeggen. En ik zal hem
-verzoeken, je niet terug te zenden."
-
-Judy vloog op, hare oogen fonkelden.
-
-"Als je dat doet," zeide zij, "als je dat doet, dan loop ik van avond
-nog weg naar Melbourne, of naar Jeruzalem, en dan kom ik nooit, nooit
-weer terug! Hoe kom je daar aan, Meg? Nadat ik dit alles gedaan heb,
-alleen maar opdat hij er niets van zou weten! O, hoe kom je er aan?"
-
-Zij wond zich tot een hevigen toestand van overspanning op.
-
-"Je begrijpt immers wel, Meg, dat ik eenvoudig morgen weer naar
-school zou worden gestuurd. Is dat niet zoo, Pip? En op school zou
-mij op den koop toe nog heel wat te wachten staan. Mijn plan is zoo
-eenvoudig mogelijk. Ik heb hier eerst een week lang pret met jelui,
-en dan ga ik weer terug naar school--jelui kunt mij allen geld leenen
-voor den trein. Den 25sten ontmoet ik Marian in Katoomba; we zullen
-samen terugkeeren en niemand zal ooit iets te weten komen. Die hoest
-beduidt niets; vroeger heb ik ook altijd gehoest, en het heeft mij
-nooit kwaad gedaan. Zoolang jelui mij genoeg eten brengt, en bij mij
-komt, is alles in orde."
-
-De rust en het voedsel en het zien der welbekende gezichten hadden
-haar reeds goed gedaan, haar gelaat was minder spits, en een zacht
-rose tintte langzaam hare wangen.
-
-Meg had een beklemmend gevoel van verantwoordelijkheid, en zij achtte
-zich verplicht, ten minste aan iemand het gebeurde te vertellen;
-maar de anderen overreedden haar.
-
-"Zoo laag zou je toch niet kunnen zijn, Meg!" had Judy met overtuiging
-gezegd, toen zij gesmeekt had Esther alles te mogen vertellen.
-
-"Zulk een flapuit!" had Bunby er toe gevoegd.
-
-"Zulk een verachtelijk schepsel!" had Pip uitgeroepen.
-
-En dus zweeg Meg, maar was buitengewoon ongelukkig.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XII.
-
-ZWIEP, ZWIEP!
-
-
-Op den vierden dag van Judy's verblijf op den zolder, deelde Martha
-Tomlinson haar kameraad en lijdensgenoot, Bridget, mede, dat zij
-geloofde, dat de kinderen samen zwoeren om haar naar "den overkant"
-te krijgen.
-
-Bridget had dien nacht niet buitengewoon goed geslapen, en dus gaf zij
-als antwoord de opmerking ten beste, dat zij veronderstelde, dat de
-lieve jeugd haar daar wenschte te zien, waar zij ook behoorde te zijn.
-
-Ik moet u misschien vertellen, dat "aan den overkant" hetzelfde
-beduidde als Gladesville, en dat dit het Meer-en-Berg van Sydney is.
-
-Verscheidene oorzaken hadden de ongelukkige Martha er toe gebracht,
-aan zulk eene samenzwering te gelooven. Bij voorbeeld, toen zij
-eens op een morgen Pips bed wilde gaan opmaken was de helft van het
-beddegoed verdwenen. De witte sprei was netjes over de matras gelegd,
-maar er was niets te bekennen van dekens, lakens of kussens. Zij zocht
-op alle mogelijke en onmogelijke plaatsen, ondervraagde de kinderen,
-wendde zich zelfs tot Esther, maar de vermiste voorwerpen werden
-niet gevonden.
-
-"Een man met een broek van geribd fluweel zwerft hier iederen avond
-om het huis!" zeide Pip, terwijl hij weemoedig naar zijn ontredderd
-bed keek. "Het zou mij niet verwonderen, als die daar iets mede te
-maken had."
-
-Welke veronderstelling alles behalve aangenaam voor Martha was,
-aangezien de man met de broek van geribd fluweel haar vurigste en
-uitverkoren aanbidder was.
-
-Den volgenden dag verdween de waschkom uit Megs slaapkamer, en
-daarop een stoel uit de kinderkamer, evenals een vloerkleedje,
-om niet te spreken van zulke kleine voorwerpen als een trekpot,
-een spirituslampje, kopjes en schotels, een halve ham, en een volle
-trommel met gembernootjes.
-
-Dit alles verdroot Martha, want de voorwerpen schenen te verdwijnen,
-terwijl de kinderen in bed waren; en hoewel zij hen verdacht, en
-hen voortdurend gade sloeg, kon zij geen duidelijk bewijs van hunne
-schuld machtig worden, en evenmin de drijfveer ontdekken, die er hen
-toe zou kunnen brengen, het een en ander weg te nemen.
-
-En telkens als er weer iets kwijt was, vraagde Pip of de in geribd
-fluweel gekleede jongeling den vorigen avond in den omtrek van het
-huis gezien was. En daar dit altijd het geval was, kon Martha niets
-anders doen, dan met een toornigen blik op haar plaaggeest, de kamer
-uitstuiven.
-
-Op zekeren avond was de kleine schaaktafel uit de kinderkamer door
-eene geheimzinnige macht weggetooverd.
-
-Den volgenden morgen, toen Martha aan het vegen was, kwam Pip naar
-haar toe, en deed, alsof hij in tranen zwom.
-
-""Hoe lieflijk is het nederig viooltje!"" zeide hij met gebroken
-stem. "Ach, Martha, Martha! nu eerst, nu je dagen bij ons geteld zijn,
-zien wij in, welk een schat wij in je bezitten!"
-
-"Ach, ga heen!" zeide zij, en sloeg naar hem met den steel van den
-stoffer. "Ik denk er niet aan, heen te gaan, hoor! Als ik er niet meer
-was, zouden jelui heelemaal uit den band springen. Neen, je bent nog
-niet zoo gauw van Martha Tomlinson af!"
-
-"Maar moet je dan niet naar hem toe gaan, Martha?" zeide hij
-vriendelijk. "De inrichting van zijn huis moet nu wel nagenoeg compleet
-zijn. Hij heeft wel is waar nog geen sauspan en geen strijkijzers, maar
-overigens dan ook alles, Martha; en ik wil je nu ook wel vertellen,
-dat ik van plan ben, je als huwelijksgeschenk een strijkijzer cadeau
-te doen, dus behoef je niet te wachten, tot hij het is komen halen."
-
-"Ga de kamer uit!" zeide Martha nog eens, terwijl zij den veger in
-zijn gezicht duwde, en hem bijna in het stof deed stikken. "Je weet
-van dwaasheid niet wat je zegt!"
-
-Op den zolder in het gebouwtje ging alles naar wensch.
-
-Eenige oude, tegen den muur opgehangen karpetten hielden den
-tocht tegen. Judy's bed, zacht en warm, bevond zich in een hoek;
-zij had een stoel om op te zitten, eene tafel om aan te eten,
-zelfs eene waschkom. En zij had den geheelen dag gezelschap, ook
-dikwijls den geheelen nacht. Eens was Meg weggeslopen, nadat zij de
-deur harer slaapkamer afgesloten had, en had ook op het bed op den
-zolder geslapen; eens was Nellie gegaan, en een anderen avond had
-Pip een paar wollen dekens genomen en had hij zich zelf een leger
-in het stroo gemaakt. Zij bezochten haar op alle uren van den dag,
-en kropen de een na den ander, de krakende ladder op, wanneer zij
-maar onopgemerkt konden wegkomen.
-
-De gouvernante had toevallig veertien dagen vrij gekregen, om hare
-zieke moeder op te passen, en dus konden de meisjes en Bunby over
-al hun tijd beschikken. Pip ging laat naar school, en kwam vroeg
-naar huis, en zocht van Esther briefjes voor den directeur af te
-bedelen. Zelfs bleef hij eens stilletjes weg, en droeg de straf,
-die hem daarvoor later werd opgelegd, met kalme gelatenheid.
-
-Judy zag er nog altijd bleek en vermoeid uit, en haar hoest was
-werkelijk onrustbarend; maar zij kreeg weldra hare oude, levendige
-opgewektheid weer, en genoot onuitsprekelijk van haar avontuur.
-
-Het eenige onaangename was de zeer beperkte ruimte van den zolder.
-
-"Jelui moet het zoo inrichten, dat ik eene wandeling kan gaan maken,"
-zeide zij op een morgen zeer beslist. "Ik ben er van overtuigd, dat
-mijne beenen langzamerhand korter beginnen te worden, nu ik ze niet
-meer kan gebruiken. Tegen het eind van de week zal ik vergeten zijn,
-wat wandelen is."
-
-Pip dacht niet, dat haar wensch vervuld kon worden; Meg smeekte haar,
-zich niet bloot te stellen; maar Bunby en Nell waren vol geestdrift
-voor het plan.
-
-"Meg zou met vader kunnen gaan praten," zeide Bunby, "en Pip zou
-den Generaal kunnen plagen, tot Esther niet meer uit de kamer zou
-durven gaan, en dan konden ik en Judy gauw naar beneden klimmen en
-een wandelingetje maken, en we zouden weer terug zijn, vóór iemand
-iets gemerkt had."
-
-Judy schudde het hoofd.
-
-"Daar zou ik al zeer weinig aan hebben," zeide zij. "Als ik ga,
-wil ik ook een tijdje in de vrije lucht blijven. Zouden we niet een
-picnic aan den waterkant kunnen houden?"
-
-"He ja, laten we dat doen!" riep Bunby, met stralende oogen.
-
-"Ik geloof heusch, dat we het wel konden wagen, vooral daar het toch
-ook Zaterdag is, en Pip niet naar school hoeft," vervolgde Judy, en in
-hare gedachten spon zij het geheele plan uit. "Twee van jelui zouden
-voor eten kunnen zorgen. Zegt Martha, dat jelui een picnic willen
-houden,--zij zal blij genoeg zijn, dat zij niet voor het middageten
-behoeft te dekken--en dan gaan jelui vooruit. Twee anderen kunnen op
-wacht staan, om te zien, of er geen vijand te bekennen is, terwijl
-ik naar beneden kom en door de grasvelden loop, en als we maar eens
-om den hoek van den weg zijn, zijn we gered!"
-
-Dit scheen alles zeer uitvoerbaar, en in zeer korten tijd waren alle
-toebereidselen gemaakt. Pip stond op wacht bij het gebouwtje, en had
-op zich genomen, Judy's uittocht te bewaken, Bunby was bij de veranda
-achter het huis op post gezet, om uit te kijken en driemaal te fluiten,
-als er eenig gevaar was.
-
-Hij zou een kwartier, gerekend naar de keukenklok, wachten, en dan,
-indien alles veilig was, den grooten theeketel en een brood medenemen,
-en de anderen op den weg opvangen. Het was eene saaie bezigheid,
-om daar te staan wachten, en, als een peinzende ooievaar, stond hij
-op één been, en hield zich bezig met de gebeurtenissen der laatste,
-veel bewogen dagen nog eens te overdenken.
-
-Een gedrukte stemming had zich van hem meester gemaakt, maar hoe dit
-kwam, kon hij moeielijk zeggen. Misschien bezwaarde hem de leugen, die
-hij aan zijn vader verteld had, en waarover hij niet weer gesproken
-had, omdat het paard leelijk hinkte, en hem de moed in de schoenen
-zonk, elken keer dat hij aan de rijzweep van zijn vader dacht.
-
-Misschien was het de reactie na de groote opwinding. Of het kon
-een knagend gevoel van verongelijking zijn, omdat zijne dappere
-daden ten bate van Judy bij de anderen zoo weinig bewondering
-hadden ingeoogst. Zij schenen ze hem volstrekt niet aan te rekenen,
-en lachten zelfs elken keer, dat hij er eene toespeling op maakte,
-of de algemeene aandacht op zijne schrammen zocht te vestigen. Twee
-of drie krabben op zijne beenen waren werkelijk leelijk genoeg,
-en terwijl hij stond te wachten stroopte hij zijne kousen omlaag en
-keek met medelijdende blikken en iets als een snik naar zijne wonden.
-
-"Niemand bekreunt zich om mij!"--pruttelde hij, en eene traan--hij kon
-ze altijd zoo gemakkelijk schreien--plaste neer op zijn uitgestrekt,
-ontbloot been. "Judy houdt het meest van Pip, en hij is toch nooit op
-den cactus geklommen; Meg denkt, dat ik altijd jok, en Nellie zegt,
-dat ik te vies ben om met eene tang aan te raken--niemand bekreunt
-zich om mij!"
-
-Nog eene groote, dikke traan welde omhoog en viel toen neer.
-
-"Heb je daar wortel geschoten?" vraagde eene stem.
-
-Zijn vader, die in de opengeslagen veranda-deur stond te rooken,
-had hem gade geslagen, en zich over zijne ongewone, groote kalmte
-verwonderd.
-
-Bunby schrikte op, en trok zijne kousen omhoog.
-
-"Ik doe niets geen kwaad!" zeide hij treurig, na een poosje. "Niets
-geen kwaad! Ik ga naar een picnic!"
-
-"Zoo!" zeide de kapitein. "Je zaagt er uit, alsof je over het een of
-andere nieuwe kattekwaad nadacht, of berouw had over een ondeugenden
-streek--nu, wat is het geval?"
-
-Bunby werd bleek, maar herhaalde, dat hij "niets geen kwaad deed."
-
-De kapitein was in eene loome, plaagachtige stemming, en zijn dik
-zoontje scheen hem eene welkome gelegenheid aan te bieden, om hiervan
-blijk te geven.
-
-"Het zou wel goed zijn, als je eens hier kwaamt, en al het kwaad, dat
-je deze week uitgevoerd hebt, opbiechtet!" zeide hij ernstig. "Ik ben
-den geheelen morgen vrij, en het wordt tijd, dat ik je eens ernstig
-onder handen neem!"
-
-Bunby naderde de leuning van den hem aangewezen stoel, en werd witter
-dan ooit.
-
-"Zoo, nu kunnen we op ons gemak praten. Dus, Dinsdag heb je uit de
-provisiekamer gestolen--dat is één misdaad," zeide hij om hem op weg
-te helpen. "Ga voort."
-
-"Ik heb niets anders uitgevoerd!" stotterde Bunby. Hij voelde, dat
-het met hem gedaan was, en dat de geschiedenis van den cricketbal
-ontdekt zou worden. Hij keek zelfs zenuwachtig rond, of de rijzweep
-nergens te zien was. Ja, daar lag die van Esther met den zilveren
-knop, achteloos op een stoel neergeworpen. Hij vond nog den tijd om
-vurig te wenschen, dat Esther wat netter mocht zijn.
-
-"Werkelijk niets, Bunby? op je woord?" zeide zijn vader op
-indrukwekkenden toon.
-
-"Ik w-was aan het knikkeren!" zeide hij met bevende stem. "Hoe zou
-ik dus het paard hebben kunnen kwaad doen?"
-
-"Het paard? Ha!"--riep zijn vader. Er ging hem een licht op, en zijn
-gelaat werd zeer ernstig. "Wat heb je naar Mazeppa gegooid, waardoor
-hij kreupel geworden is? Antwoord mij onmiddellijk!"
-
-Bunby wierp een schuwen blik naar de zweep.
-
-"N-n-niets,"--zeide hij--"h-heusch niets! Mijn c-c-cricketbal lag in
-den stal. Ik was aan het knikkeren!"
-
-De kapitein schudde hem even aan den arm.
-
-"Heb je Mazeppa met den cricketbal gegooid?" zeide hij streng.
-
-"N-n-neen, n-neen!"--fluisterde Bunby, wit tot in zijne lippen. Toen
-overweldigde hem ten deele zijn berouw en hij voegde er bij: "Hij
-rolde uit mijn z-z-zak, en M-Mazeppa kwam juist voorbij en st-stootte
-er tegen met zijn poot."
-
-"Zeg de waarheid of het zal je slecht gaan!"--zeide de kapitein,
-opstaande, en Esther's rijzweep in de hand nemende.--"En dus--heb
-jij Mazeppa kreupel gemaakt?"
-
-"Ja!" zeide Bunby, en hij barstte in tranen uit, en wrong zich in
-allerlei bochten, om aan de zweep te ontkomen.
-
-Daarop, toen de slagen op zijne rampzalige schouders nederdaalden,
-vervulde hij de lucht met zijn gewonen kreet van: "Ik heb het niet
-gedaan, het was mijn schuld niet!"
-
-"Jij verachtelijke schavuit!"--zeide zijn vader, toen hij een oogenblik
-moest pauzeeren, daar zijn arm pijn deed van het slaan. "Ik zal dien
-lagen geest van leugenachtigheid en lafheid uit je ranselen, en als
-je niet verandert, zie ik je liever dood voor mij liggen!" Zwiep,
-zwiep. "Wat moet er van je groeien?" Zwiep, zwiep. "Liegen omdat je
-bang bent voor slaag!" Zwiep, zwiep, zwiep, zwiep.
-
-"U slaat me dood, u slaat me dood! Ik voel, dat u me dood slaat!" gilde
-het kind, en wentelde zich over den grond. "Ik heb het niet gedaan,
-het was mijn schuld niet. Sla de anderen liever!"
-
-Zwiep, zwiep, zwiep. "Denk je, dat de anderen zoo onbeschaamd
-zouden liegen? Philip heeft nooit gelogen. Judy zou liever hare tong
-afbijten." Zwiep, zwiep, zwiep. "Je gaat naar een picnic? Je kunt
-op je kamer picnic houden tot morgen ochtend vroeg." Zwiep, zwiep,
-zwiep. "Nu--maak dat je wegkomt!"
-
-Meer had geen menschelijk wezen kunnen verdragen.
-
-De laatste slag was eene ware marteling geweest voor zijne trillende
-schouders en zijn gepijnigden rug. Hij dacht aan de anderen, die,
-gelukkig en zonder zorg, daar buiten in den helderen zonneschijn op
-weg waren naar de rivier, zonder het minste vermoeden van wat hij
-doorstaan moest, en zijn hart scheen door de hevigheid van zijne
-verbittering en zijne wanhoop te zullen moeten barsten. "Judy is
-thuis!" zeide hij hijgend en hartstochtelijk. "Zij is in het oude
-gebouwtje. Boe-hoe-hoe! Ze houden het geheim voor u! Boe-hoe! Zij
-gaat naar den picnic, en zij is van school weggeloopen."
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XIII.
-
-ONGENOODE GASTEN.
-
-
-De kapitein liep langzaam door de grasvelden met zijn tuinhoed
-achterover. Na het tooneel met zijn tweeden zoon was hij min of
-meer vermoeid, en zijne oogen keken peinzend rond. Hij geloofde niet
-aan de waarheid van Bunby's laatste mededeeling, maar toch vond hij
-haar niet volstrekt onwaarschijnlijk, en daarom had hij een bezoek
-aan het gebouwtje niet juist overbodig geoordeeld. Niet dat hij,
-hoe dan ook, geloofde, zijne verbannen dochter daar te vinden, want
-Bunby had immers gezegd, dat zij een picnic aan den waterkant wilden
-houden? Maar hij dacht, dat hij misschien toch wel de eene of andere
-aanduiding ontdekken zou. De deur van het gebouwtje sloeg open, en
-het zonlicht stroomde naar binnen en bracht dwars door de ruimte een
-balk van gouden stof aan.
-
-Er was hier geen teeken van de aanwezigheid van bewoners, behalve
-wanneer een haarlint van Meg en eenige sinaasappelschillen als zoodanig
-beschouwd konden worden.
-
-Hij zag de wrakke, eigengemaakte ladder, die tegen de opening in
-de zoldering geleund stond, en hoewel hij over het algemeen meer
-eerbied voor zijne ledematen had, dan zijne kinderen voor de hunne,
-waagde hij er zich op. Zij kraakte geweldig, toen hij de bovenste
-sport bereikt had en van deze op den zolder stapte.
-
-Het been van een ham, eene doos met dominosteenen en een gebarsten
-kussen lagen aan deze zijde van het schot, anders niets, dus ging
-hij verder en keek over de schutting op den anderen zolder.
-
-"Gezellig genoeg ingericht," mompelde hij. "Het zou mij niet kunnen
-schelen zelf hier een tijdje te kampeeren," en het kwam zelfs bij
-hem op dit te doen, en voor Judy "eene verrassing" te zijn, als
-zij terugkwam. Maar hij verwierp dit plan als niet overeenstemmend
-met zijne waardigheid. Hij herinnerde zich, dat hij in zijn huis
-geruchten had gehoord van verdwenen huisraad en er kwam iets als een
-glimlach om zijn mond, toen hij het oude tafeltje met de spirituslamp
-en den trekpot er op, het beddegoed en de waschkom zag. Maar met
-een strengen blik fronsde hij weldra het voorhoofd. Waren zeven en
-zeventig mijlen geene voldoende hinderpaal voor Judy's ondeugende
-plannen? Hoe durfde zij hem zoo tarten, zij een kind van dertien
-jaar tegenover haar vader? Hij sloot de lippen onheilspellend vast,
-ging weer naar beneden, en liep met zwaren tred naar huis terug.
-
-"Esther!" riep hij met eene trillende stem onder aan de trap.
-
-En: "Ik kom, beste man--één minuutje!" klonk het ten antwoord.
-
-Een minuutje scheen ditmaal tien minuten te kunnen duren, en toen
-kwam zij, de mooie jonge moeder, met haar lachend dik zoontje in hare
-armen. Hare oogen keken zoo teeder en zacht, er lag zooveel liefde
-in haar blik, dat hij zich ongeduldig afwendde; hij wist zeer goed
-hoe het zijn zou; zij zou hem bedelen en smeeken, zijn dochtertje
-te vergeven, als zij alles gehoord had, en wanneer zij er dan weer
-stralend en liefelijk uitzag, als op dit oogenblik, zou hij haar
-niets kunnen weigeren.
-
-Een paar minuten stond hij in gepeins verzonken.
-
-"Wat wilde je, John?" zeide zij. "En waar sta je aan te denken? Ik
-heb juist een nieuw kiesje gevonden, kom eens kijken!"
-
-Hij kwam, half onwillig, en voelde met zijn pink in het mondje van
-zijn jongste zoontje.
-
-Esther hield zijne hand vast, tot hij een zeer klein hard voorwerp
-voelde. "Het derde," zeide zij trots, "vindt je het niet aardig?"
-
-"Hum!" zeide hij. Toen bleef hij nog een oogenblik peinzen, en wreef
-zich na eene minuut of twee in de handen, alsof hij zeer over zich
-zelf tevreden was.
-
-"Zet je hoed op, Esther, en kleed den Generaal ook aan," zeide hij,
-terwijl hij vriendelijk een tikje gaf op het hoofd van dezen jongen
-heer. "Laten we eene wandeling gaan maken naar de rivier; de kinderen
-wilden ook aan den waterkant een picnic houden, en dus kunnen wij er
-op rekenen, onderweg thee te krijgen."
-
-"Dat is een heerlijk idee!" zeide zij, "vindt je ook niet, Bababsie,
-vindt je ook niet, mijn kind?"
-
-Zij riep Martha, die bezig was het salon te vegen, op de grondige
-manier, die haar bijzonder eigen was, toe: "Wil je even den hoed van
-den Generaal halen, Martha, den witten zonnehoed met de keelbanden;
-hij ligt op mijn bed, denk ik, of op een stoel, of ergens anders--o! en
-breng dan meteen mijn grooten hoed met de papavers mede!"
-
-Martha ging, en kwam na eenig zoeken met de gevraagde kleedingstukken
-terug.
-
-En Esther zette den witten zonnehoed op haar eigen krullend, springend
-haar en deed den Generaal kraaien van het lachen op zijne zitplaats,
-op de tafel der vestibule. En toen drukte zij hem op het hoofd van
-den kapitein, en zette diens tuinhoed op het kopje van haar zoon en
-verscheidene minuten gingen zoo al vroolijk stoeiend voorbij.
-
-Eindelijk waren zij gereed, en verlieten de vestibule.
-
-"Jongeheer Bunby zit in zijne kamer opgesloten; je moogt er hem
-op geene voorwaarde uitlaten, Martha!" zeide de kapitein onder het
-heengaan.
-
-"O, Jack!" riep Esther verwijtend uit.
-
-"Laat het zijn zooals ik gezegd heb," sprak hij; "gun mij een weinig
-vrijheid met mijne eigen kinderen, Esther! Hij is een leugenachtige
-deugniet; ik schaam mij, dat ik hem mijn zoon moet noemen."
-
-En Esther, aan de wankelmoedigheid van haar stiefzoon denkende, vond
-geen bezwaar zich met de hoop te troosten, dat de straf heilzaam voor
-hem zou zijn.
-
-Zij liepen over een pad door het woud, dat den weg zeer verkortte,
-en toen lag daar de blauwe, vriendelijke rivier voor hen, waarin de
-zon flikkerende vlammetjes strooide.
-
-"Daar zitten zij," riep Esther, "op de oude plaats! Zie je het
-vuur, mijn ventje? zie je den rook, mijn lieveling? Zij zijn met
-hun vieren--neen, met hun vijven! Wie is er dan bij?"--zeide zij
-verwonderd, toen zij dichter bij de groep op het gras kwamen.
-
-Voor zij genoegzaam genaderd waren om de gezichten te herkennen,
-scheen de kring plotseling verbroken te worden.
-
-Een van de leden keerde zich opeens af en vluchtte weg over het gras,
-stortte zich in het dichte kreupelhout en verdween uit het gezicht
-in minder tijd dan noodig is, om dit te vertellen.
-
-"Wie was er bij jelui?" vraagde Esther, toen zij de kinderen bereikten.
-
-Een oogenblik bleef alles stil, toen wierp Pip een paar takjes op
-het vuur en antwoordde droog:
-
-"Eene vriendin van Meg, een meisje met een hazenhart, die een
-doodelijken angst heeft voor vader. Ik geloof, dat zij denkt, dat
-militairen met scherp geslepen wapenen rondwandelen, en niets liever
-doen, dan er op inhouwen!"
-
-Hij lachte even, Nell gichelde zenuwachtig, en Baby begon te schreien.
-
-Meg, bleek als eene doode, nam haar op en begon, om haar te bedaren,
-haastig de geschiedenis van de drie beren te vertellen.
-
-Esther keek min of meer verbaasd, maar dacht er natuurlijk niet aan,
-eenig verband te zoeken tusschen de vluchtende gestalte en Judy.
-
-En de kapitein scheen niets te zien of te merken. Hij lag op het
-gras en liet den Generaal over zich heen klimmen; hij schertste met
-Esther; hij vertelde verscheiden verhalen uit zijne jeugd, en scheen
-zich geen oogenblik bewust te zijn, dat zijn gehoor onoplettend en
-afgetrokken was.
-
-"Hebben jelui geen thee gezet?" zeide Esther eindelijk. "Wij rekenden
-er op, hier thee te kunnen drinken."
-
-"Bunby is niet verschenen, en die zou de thee meebrengen!" zeide Pip
-gemelijk. De buitengewone beminnelijkheid van zijn vader kwam hem
-verdacht voor, en hij wilde zich niet voor den gek laten houden.
-
-"Ach," zeide de kapitein ernstig, "dat treft slecht. Toen wij van huis
-gingen, scheen Bunby niet al te wel te zijn, en er over te denken,
-de rest van den dag in zijne slaapkamer door te brengen."
-
-Pip stookte met kracht het vuur op, en Meg wierp een verschrikten
-blik naar haar vader, die haar vriendelijk glimlachend aankeek.
-
-Na een uur lang dezen gedwongen toestand gerekt te hebben, stelde de
-kapitein voor, naar huis terug te keeren.
-
-"Het begint koel te worden," zeide hij, "het zou me spijten voor het
-nieuwe kiesje van onzen Generaal, als het zijn leven moest beginnen
-met pijn te doen--laten we naar huis gaan, en daar zien, dat we
-thee krijgen."
-
-Dus namen zij de onaangeroerde manden in de hand, en de stoet zette
-zich in beweging.
-
-De kapitein wenschte, dat Pip en Meg met hem zouden loopen, en hij
-zond Baby en Nell voor zich uit, ieder aan een kant van Esther,
-die den Generaal afwisselend bij de hand had en droeg.
-
-Dit richt hij zoo in, dacht de sluwe Pip, om te verhoeden, dat wij
-nieuwe plannen smeden. En toen zij thuis waren gekomen, noodigde hij
-hen allen uit in zijne rookkamer te komen, een cabinetje naast de
-eetkamer gelegen.
-
-Esther ging met den Generaal naar boven, maar de anderen volgden
-zwijgend hun vader.
-
-"Ga zitten, Pip, mijn jongen," zeide hij opgewekt. "Kom, Meg, maak
-het je gemakkelijk, neem plaats in dien leunstoel. Nell en Baby kunnen
-zich op de sofa zetten."
-
-Gedwongen gingen zij op de plaatsen zitten, die hij hun aanwees,
-en keken angstig naar zijn gelaat.
-
-Hij koos eene pijp van het rek boven den schoorsteenmantel, voorzag
-haar van een nieuw mondstuk, en vulde haar met zorg.
-
-"Daar jelui je nu in het bezit hebt gesteld van mijne kamer," zeide
-hij op hoogst aangenamen toon, "zal ik beter doen, met hier niet te
-rooken. Straks kom ik terug en dan zullen wij wat praten. Ik zal eerst
-maar eens eene pijp gaan rooken op den zolder van het gebouwtje. Voert
-geen kattekwaad uit, terwijl ik weg ben!"
-
-Hij stak een lucifer aan, hield dezen bij de tabak, en, zonder een blik
-op de zwijgende kinderen geworpen te hebben, verliet hij de kamer,
-en deed de deur achter zich op slot. Voor de tweede maal liep hij
-door de grasvelden, en voor de tweede maal stootte hij de krakende
-deur open. De sinaasappelschil lag op dezelfde plaats, waar hij haar
-eerst gezien had, alleen was zij wat drooger en verschrompelder. Het
-haarlint zat in juist denzelfden strik. De ladder kraakte op precies
-dezelfde plaats, en het scheelde weer niet veel, of hij was, toen hij
-de bovenste sport bereikte, er af gevallen. De dominosteenen lagen daar
-nog altijd, het been van de ham en het kussen namen dezelfde plaatsen
-in; het eenige verschil was, dat over het eerste nu een groot aantal
-zwarte mieren kropen, en dat de wind met het kussen gespeeld had,
-en de veeren naar alle kanten had doen stuiven.
-
-Hij liep naar de andere zijde, niet zachtjes, maar met zijn gewonen,
-vasten, militairen stap. Er bewoog zich niets. Hij bereikte het
-beschot en keek er over heen.
-
-Judy lag op het geïmproviseerde bed, in een diepen slaap verzonken,
-uitgeput na hare snelle vlucht van den oever der rivier. Zij had een
-rok van Meg aan, die haar buitengewoon lang en mager deed schijnen;
-met verbazing vraagde hij zich, of zij zóó gegroeid kon zijn?
-
-"Er zal geen einde aan de moeite en zorgen komen, die zij mij
-zal veroorzaken, als zij groot geworden is!" zeide hij, halfluid,
-met een gevoel van medelijden voor zich zelf omdat hij haar vader
-was. En toen werd hij vervuld met wrevel en toorn, terwijl hij haar
-daar bleef gade slaan, en zij zoo kalm voortsliep. Moest zij altijd
-de verstoordster zijner rust zijn? moest zij hem altijd dwarsboomen?
-
-"Judy!" zeide hij met luide stem.
-
-De gesloten oogleden sprongen open, de nevel van slaap en vergetelheid
-trok weg van de donkere oogen, en zij rees overeind, met doodelijk
-ontsteld gelaat.
-
-"Wat voer je hier uit, als ik vragen mag?" zeide hij, koud en hoog.
-
-Een donkerroode blos kleurde hare wangen, haar voorhoofd, en verdween
-toen weer, zoodat zelfs hare lippen wit werden, maar zij gaf geen
-antwoord.
-
-"Ik veronderstel, dat je van school bent weggeloopen," vervolgde hij,
-op denzelfden koelen toon. "Heb je iets tot je verontschuldiging
-te zeggen?"
-
-Judy sprak noch verroerde zich, zij staarde hem alleen aan met even
-geopenden mond.
-
-"Heb je iets tot je verontschuldiging te zeggen, Helen?" herhaalde hij.
-
-"Neen, vader," zeide zij.
-
-Haar gelaat toonde een moeden, pijnlijken trek, die hem anders zeker
-zou getroffen hebben, maar hij was thans te vertoornd, om dit op
-te merken.
-
-"Volstrekt geene verontschuldiging of geldige reden?"
-
-"Neen vader!"
-
-Hij ging terug naar het luik. "In anderhalf uur vertrekt een trein,
-je reist daarmede van hier," zeide hij, met bedaarde stem. "Ik
-zal maatregelen nemen om je op school te doen bewaken, nu ik zie,
-dat je niet te vertrouwen bent. Je komt met Kerstmis niet thuis,
-en waarschijnlijk ook niet met de zomervacantie!"
-
-Dit was even goed als een doodvonnis. De zolder draaide voor Judy's
-oogen in het rond, in hare ooren zong en gonsde het.
-
-"Kom!" zeide de kapitein. Judy snakte naar adem, zij hijgde en begon
-te hoesten.
-
-Zij hoestte vreeselijk, haar tenger lichaam beefde. Dit duurde zoo
-twee of drie minuten, hoewel zij den zakdoek voor den mond hield om
-te beproeven, het hoesten tegen te gaan.
-
-Zij was zeer bleek, toen zij tot bedaren kwam, en voor het eerst
-merkte hij op, hoe hol hare wangen waren.
-
-"Het is beter, dat je eerst mede naar huis komt," zeide hij minder
-hard, "dan kunnen wij zien of Esther niet iets voor den hoest heeft."
-
-En toen snakte hij op zijne beurt naar adem, en werd zijn gebronsd
-gelaat vaalbleek.
-
-Want roode, vreeselijke vlekken bezoedelden het wit van den doek,
-dien het kind van haar mond had genomen.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XIV.
-
-DE UITNOODIGING VAN DEN SQUATTER.
-
-
-En dus werd er geen dogcart voor Judy ingespannen, zij werd niet
-naar den trein gebracht, zij behoefde niet beschaamd onder haar
-schoolkameraadjes terug te keeren, zij had niet het vooruitzicht van
-lange maanden, die zonder vacantie voorbij zouden gaan.
-
-Maar, in de plaats daarvan, een warm, zacht bed, en versterkend
-voedsel, en vriendelijke woorden, en onafgebroken zorg. Want de
-avontuurlijke tocht, de gebrekkige voeding, en de twee nachten in de
-open lucht hadden het meisje inderdaad in een gevaarlijken toestand
-gebracht. De eene long was ernstig aangedaan, had de dokter gezegd;
-het was hem een raadsel, zeide hij tot hare huisgenooten, hoe zij
-het nog zoo lang uitgehouden had; een gewoon meisje zou reeds lang
-allen moed verloren, en zich te bed gelegd hebben. Maar hij zeide
-dit, omdat hij den onbuigzamen geest en de vaste energie niet kende,
-die Judy's voornaamste karaktertrekken waren.
-
-"Hadt je in het geheel geen pijn?" vraagde hij, verbaasd door het feit,
-zulk eene stemming en zulk een ernstigen toestand tegelijkertijd aan
-te treffen.
-
-"Jawel, soms in mijne zijde!"--antwoordde zij achteloos.--"Hoe lang
-zal het nog duren voor ik op kan staan, dokter?"
-
-Deze vraag stelde zij hem iederen morgen, hoewel, om de waarheid
-te zeggen, zij met waren angst dacht aan het oogenblik, waarop zij
-hersteld verklaard zou worden.
-
-Zij gevoelde eene loomheid en moeheid in hare beenen, die haar
-deed twijfelen, of zij ooit weer ver zou kunnen loopen, en een meer
-bescheiden teeken van beterschap versmaadde zij. Buitendien bespeurde
-zij eene knagende pijn onder de armen, en als zij hoestte, stond zij
-de hevigste benauwdheid uit.
-
-Toch was zij niet ziek genoeg om niet belang te stellen in alles, wat
-er om haar heen gebeurde, en verlangde, dat de anderen haar zouden
-vertellen, wat buitenshuis voorviel--wie het gelukkigst was geweest
-bij het cricketspel, welke bloemen ontloken waren in het weelderige
-hoekje van den tuin, dat haar toebehoorde, hoe vele eieren de kippen
-per dag legden, hoe het met het aantal der Guineesche biggetjes en
-der kanaries gesteld was, en welke schoenen of kleeren de nieuwe
-jonge hond vernield had.
-
-En Bunby bracht dikwijls zijne witte muizen en zijn blind marmotje
-in hare kamer en liet de diertjes los over haar deken loopen, en Pip
-zat meestal te timmeren aan een klein tafeltje dicht bij haar bed,
-zoodat zij ieder nieuw werk kon zien en de vorderingen kon gadeslaan.
-
-Meg, die haar omgang met Aldith bijna geheel verbroken had, wijdde
-zich met hart en ziel aan de verpleging van hare zuster; zij gaf
-haar allerlei kleine geschenken--een schoenentasch, met verschillende
-afdeelingen, een zakje voor kam en borstel, met het monogram J. W. in
-rose zijde daarop geborduurd, een klein werkmandje met naaldenboekje,
-speldenkussen en verder toebehooren. Judy vreesde, dat zij na haar
-herstel nu ook verplicht zou zijn netjes te worden.
-
-Het genoegen, dat haar de geschenkjes blijkbaar veroorzaakten, deed
-een geest van mededinging onder de anderen ontwaken.
-
-Eens was Pip een geheelen dag onzichtbaar; eerst in den avond
-vertoonde hij zich weer, en liep trots naar het bed. Hij had eene
-kleine chiffonière gemaakt, waarvan drie laden werkelijk, hoewel met
-groote omzichtigheid, geopend konden worden.
-
-"Dit is niet voor poppenkleeren,"--zeide hij, nadat zij alle
-gebruikelijke betuigingen van dankbaarheid uitgeput had,--"want ik
-weet, dat je daar niet van houdt, maar je kunt er je kleine prullen
-in bewaren--haarlintjes, naaigereedschap, er is plaats genoeg."
-
-Zij hoorden een geluid, alsof op de gang iets voortgesleept werd, en
-Bunby kwam de kamer binnen, achterwaarts loopende, en voortslepende een
-vreemd voorwerp, dat uit vijf of zes aaneengespijkerde planken bestond.
-
-"Dit is een stoel," verklaarde hij, en veegde de bewijzen van zijne
-inspanning van zijn voorhoofd. "Ik zal er natuurlijk de een of andere
-stof over spijkeren, zoodat je er niet door kunt vallen; maar ik dacht,
-dat ik hem je nu wel eerst eens kon laten zien."
-
-Er kwam een glimlach om Judy's lippen, maar zij dankte hem hartelijk.
-
-"Ik wilde niet iets maken, waaraan je toch niets hadt, zooals Pip
-gedaan heeft!" vervolgde het kleine ventje, en hij keek verachtelijk
-naar de chiffonière. "Dit is iets wat je gebruiken kunt; als je
-weer opstaat, dan kan je er bij den haard op zitten, Judy, en lezen
-of naaien of iets anders doen. Je vindt dit ook mooier dan Pip's
-cadeautje, is het niet zoo?"
-
-Judy wist behendig beide partijen te vriend te houden, door hen te
-vragen, de geschenken naast alle andere bij het hoofdeinde van haar
-bed te plaatsen.
-
-"Wat zal je veel mee te nemen hebben, als je weer naar school gaat,
-Judy!" zeide Nell, terwijl zij de verzameling met een paar gehaakte
-mofjes en een wollen poppenlijfje verrijkte.
-
-Maar Judy keek haar slechts verwijtend aan, en lag het overige gedeelte
-van den avond met haar hoofd naar den muur gekeerd.
-
-Dit was het, wat haar al de veertien dagen van hare ziekte met angst
-vervuld had--de gedachte aan de school in de toekomst.
-
-"Wat zal er met mij gebeuren, als ik weer beter ben, Esther?"--vraagde
-zij den volgenden morgen op gedrukten toon, toen hare stiefmoeder
-haar kwam bezoeken. "Spaart hij heel veel slaag voor mij op? En moet
-ik de eerste week weer terug?"
-
-Esther stelde haar gerust.
-
-"Deze drie maanden blijf je hier, en zeer waarschijnlijk de volgende
-drie maanden ook, Judy! Hij heeft gezegd, dat je met een paar der
-anderen naar buiten zult gaan, tot je weer geheel sterk geworden bent;
-en onder ons gezegd, geloof ik, dat je wel nooit weer de kostschool
-zult terug zien."
-
-Toen deze vrees dus verdwenen was, ging Judy's gezondheid steeds
-sneller vooruit, zoodat haar krachtig gestel zelfs den dokter
-verbaasde.
-
-Na drie weken liep zij weer door het huis, mager en met groote oogen,
-maar vol grappen en vol ondeugende plannen. De visites van den dokter
-werden gestaakt; hij zeide, dat tot nu toe alles naar wensch was
-gegaan, maar dat zij in eene andere omgeving moest komen en eenigen
-tijd geen zeelucht mocht inademen.
-
-"Laat haar een paar maanden vrij in de buitenlucht loopen,
-Woolcot!" zeide hij bij zijn laatste bezoek; "er is tijd toe noodig,
-om al het gebeurde te boven te komen, en haar hare kracht en gezondheid
-te doen herkrijgen."
-
-"Zeker, zeker; ik zal haar naar buiten sturen!" antwoordde de kapitein.
-
-Hij kon den schrik niet vergeten, die hem vijf of zes weken geleden
-op den ouden zolder bevangen had, en zou er in toegestemd hebben haar
-naar de Sahara te brengen, indien dit noodig geoordeeld was geworden.
-
-De dokter had hem mede gedeeld, dat hare longen zeer gevaarlijk
-aangedaan waren.
-
-"Het is niet gezegd, dat zij aan tering moet sterven," had hij
-gesproken, "maar er is altijd gevaar voor deze vreeselijke kwaal in
-dergelijke gevallen. En de kleine Judy is zulk een wild rusteloos
-schepseltje; alles wat zij doet, doet zij met hart en ziel, en zij
-schijnt vreugde en leed duizendmaal dieper te gevoelen, dan andere
-kalmere naturen. Zorg goed voor haar, Woolcot; zij zal eens eene
-uitstekende vrouw worden--ja, eene buitengewone vrouw."
-
-De kapitein rookte vier groote sigaren in de eenzaamheid van zijne
-studeerkamer, alvorens hij kon beslissen, hoe hij het best "goed voor
-haar kon zorgen".
-
-Eerst bedacht hij, haar met Meg en de gouvernante voor eenigen tijd
-naar de bergen te zenden, maar dan rees de moeielijkheid, dat de andere
-drie in dien tijd geen onderwijs zouden genieten. Hij zou hen naar
-school kunnen zenden of eene andere gouvernante nemen; zeker, maar dan
-waren er weer de onkosten, die in overweging moesten genomen worden.
-
-De meisjes alleen te laten gaan, daar kon geen sprake van zijn,
-want Meg had, niettegenstaande hare zestien jaren, getoond, niet veel
-meer dan een gansje te zijn; en op Judy moest toegezien worden. Toen
-dacht hij er aan, dat Esther er ook niet zeer goed uitzag; Judy's
-verpleging en de zorgen voor den Generaal bleken te veel voor haar
-te zijn geweest, en zij was lang niet meer de stralende, bloeiende
-Esther van vroeger. Hij wist, dat hij haar naar buiten moest laten
-gaan, en het kind eveneens, natuurlijk.
-
-En dan dacht hij weer aan de onkosten. En aan de andere kinderen.
-
-Hij herinnerde zich, dat de Kerstvacantie niet meer ver af was; wat zou
-er van het huis worden, indien Pip en Bunby en de twee jongste meisjes
-konden doen en laten wat zij wilden, en niemand het opzicht hield? Hij
-zuchtte diep, en klopte de asch van zijn vierden sigaar op het tapijt.
-
-Toen kwam de brievenbesteller over het pad en voorbij het venster. Hij
-keek glimlachend en raakte zijn pet aan met een vergenoegden blik. Het
-was alsof hij wist, dat hij in een der brieven de oplossing bracht
-van het raadsel, dat op het voorhoofd van den kapitein ontelbare
-rimpels te voorschijn riep.
-
-Een vijfde sigaar werd juist uit het kistje genomen, eene groeve
-vertoonde zich boven de linker wenkbrauw, een steek van iets dat
-zeer veel geleek op jicht gaf aanleiding tot een paar woorden "in
-eene vreemde taal," toen Esther binnenkwam met een glimlach om de
-lippen en een open brief in hare handen.
-
-"Van moeder!" zeide zij. "Het schijnt, dat Yarrahappini haar te stil
-begint te worden, en dus vraagt zij mij, of ik met den Generaal eenige
-weken, bij haar kan komen?"
-
-"Ha!" zeide hij.
-
-Dit zou zeker een der moeielijkheden doen verdwijnen. Wel was het
-landgoed zeer ver weg, maar, het was Esthers vroegere tehuis, en zij
-had het niet weergezien sedert haar huwelijk. Daar zou zij zeer snel
-weer sterk worden.
-
-"O, en Judy ook!"
-
-"Ha!" zeide hij.
-
-Twee rimpels verdwenen van zijn voorhoofd.
-
-"En Meg, omdat ik schreef, dat zij er bleek uitzag." De kapitein
-legde zijn sigaar weer in het kistje. Hij vergat dat er iets bestond,
-wat jicht heette.
-
-"De uitnoodiging kon nooit beter te pas zijn gekomen!" zeide hij. "Neem
-haar onvoorwaardelijk aan; niets kon beter geweest zijn; en het is
-een buitengewoon gezond klimaat. De andere kinderen kunnen--"
-
-"O, vader vooral wenscht, dat Pip ook zal komen, omdat hij zulk een
-flinke jongen is."
-
-"Op mijn woord, Esther, je ouders hebben harten vol ware
-menschenliefde. Is er nog iemand anders in de uitnoodiging begrepen?"
-
-"Alleen maar Nell en Bunby en Baby. O, en moeder zegt, dat wanneer je
-ooit lust mocht hebben, eenige dagen te komen jagen, je haar altijd
-hartelijk welkom zult zijn."
-
-"De gastvrijheid der squatters is wereldberoemd, maar dit overtreft
-alles, Esther!" De kapitein stond op, en rekte zich uit met het
-vergenoegde gelaat van een man, die zich verlost voelt van eene
-nachtmerrie. "Neem de uitnoodiging onvoorwaardelijk aan--voor
-allen. De gevolgen mogen zij zelf ondervinden; maar ik ben bang,
-dat men op Yarrahappini treurige ervaringen zal gemaakt hebben,
-eer de maand voorbij is!"
-
-Hoe treurig deze ervaringen zouden zijn, kon hij toen in de verste
-verte niet vermoeden.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XV.
-
-DRIEHONDERD MIJLEN IN DEN TREIN.
-
-
-Zij vulden eene geheele coupé--wel was er nog eene plaats open, maar
-men scheen niet begeerig die in te nemen, nadat men een haastigen
-blik naar binnen geworpen had.
-
-Daar zaten zij met hun achten, en alleen Esther was degene, die
-toezicht hield--Esther in eene rose blouse, en met een matrozenhoedje,
-met een gelaat zoo stralend en ondeugend als dat van Pip. De kapitein
-had hen naar het station gebracht, en Pat zorgde voor de bagage. Hij
-had de kaartjes genomen--twee gewone voor Esther en Meg, en vier voor
-half geld voor de vier anderen. Baby werd zelfs niet met een kaartje
-voor half geld voorzien, zeer tot hare eigen verontwaardiging--het
-was eene beleediging voor hare vier en een half jaar, om voor niets
-te kunnen reizen evenals de Generaal.
-
-Maar de kosten van deze stukjes bordpapier hadden den kapitein zeer
-ongelukkig doen kijken: hij kreeg niet meer dan achttien stuivers
-terug van de tien pond, die hij gegeven had; want Yarrahappini lag
-op de grenzen van het onbekende land.
-
-Hij gaf de achttien stuivers uit aan geïllustreerde tijdschriften,
-en uit de keuze van deze bleek wel, dat hij geen hoogen dunk had
-van den letterkundigen smaak zijner familie; hij voorzag bovendien
-Esther van een boekdeel in geel linnen gebonden, waarop eene dame
-in het groen was afgebeeld, die in de armen van een heer, welke in
-purper was uitgedost, flauw viel, en Meg met Mark Twain's "Springende
-Kikvorsch," omdat hij in den laatsten tijd eene zekeren zwaarmoedigen
-blik in hare oogen had opgemerkt.
-
-Toen werd de bel geluid, een gefluit deed zich hooren, conducteurs
-liepen in groote haast her- en derwaarts, en men nam afscheid,
-vroolijk of treurig, al naar de omstandigheden.
-
-Eene vrouw stond droevig te schreien op het perron, en een meisje
-met vriendelijke oogen, vol tranen, leunde uit het venster van een
-tweede-klasse coupé en sprak haar toe; daar was een squatter met
-gebruind gelaat, die een pet van stof ophad, en eveneens stoffen
-schoenen, en voor wie de driehonderd mijlen lange reis eene weinig
-belangrijker gebeurtenis was, dan een maaltijd; en daar was de
-jonge man, die voor zijne zaken op reis moest, en wien eene reis
-naar Engeland weinig korter voorkwam, nu hij voor een geheel jaar
-van zijne vrouw en zijn kind afscheid nam; en waggons, waarin dames
-zaten, die weer naar de wildernis terugkeerden na hun jaarlijksch of
-halfjaarlijksch bezoek aan de Sydneysche beschaafde wereld; en daar
-waren de acht reizigers, die ons in het bijzonder interesseeren, en
-die zich voor het portier en de vensters verdrongen, om den kapitein
-nog eens toe te knikken, en vaarwel te zeggen.
-
-Hij zag er volstrekt niet neerslachtig uit, toen de trein met veel
-rumoer wegstoomde--met zwierigen stap wandelde hij het perron af, alsof
-het vooruitzicht twee maanden als jonggezel te moeten doorbrengen,
-ook wel zijne lichtzijde had.
-
-Te half zeven in den namiddag vertrokken zij, en zij zouden in
-Curlewis, het station, dat het dichtst bij Yarrahappini gelegen
-was, ongeveer te vijf uur in den volgenden morgen aankomen. Nu het
-gezelschap zoo talrijk was, kon er geene sprake van zijn, billetten
-voor den slaapwaggon te nemen, maar in het koffernet lagen verscheidene
-reisdekens, en twee of drie windkussens, bestemd voor hen, die zich
-vermoeid mochten gaan gevoelen. Het denkbeeld, zoovele uren in den
-trein door te brengen, was al de kinderen heerlijk voorgekomen; geen
-enkele van hen behalve Judy had ooit verder dan veertig of vijftig
-mijl ver gereisd, en het scheen hun buitengewoon verrukkelijk toe,
-steeds voort te stoomen, als het donker, zou geworden zijn even goed
-als bij daglicht.
-
-Maar lang voor het tien uur in den avond was verloren hunne
-droomen allen glans en alle bekoorlijkheid. Nell en Baby hadden eene
-woordenwisseling gehad over het opblazen der windkussens, en waren te
-moede en te kribbig, om weer vrede te sluiten; Pip had Bunby wegens de
-eene of andere duistere reden een tik gegeven, en kreeg twee schoppen
-terug; Judy had hoofdpijn, en het geraas was juist niet geschikt,
-om die te doen verdwijnen; Meg was moe geworden van het staren naar
-het duistere landschap, door hetwelk zij heengleden, en dacht er aan,
-of Alan zou merken, dat zij nu niet meer op de stoomboot verscheen; en
-de arme kleine Generaal vervulde de warme lucht met luide klaagtonen
-over de raadselachtige behandeling, die hij onderging, en die hij
-zich moest laten welgevallen.
-
-Esther had hem zijne bovenkleertjes uitgetrokken, en een schilderijtje
-van hem gemaakt, door hem een roomkleurig flanellen nachtjaponnetje
-en een rose wollen jasje aan te trekken. En een half uur lang had
-hij er zich blijmoedig in geschikt, dat hij van de eene hand in de
-andere werd gegeven, geliefkoosd en gekust. Hij had zelfs toegelaten,
-dat Nell in zijne rose teentjes een voor een beet, en een geruimen
-tijd onzin praatte over kleine biggetjes, die naar de markt gingen,
-en meer dergelijke dwaze dingen uitvoerde.
-
-Hij had bijna niet tegengesparteld, toen er eene twist was gerezen
-over het bezit van zijne persoon, en Bunby zich aan zijn hoofd en zijn
-lichaampje had vastgeklampt, terwijl Nell heftig aan zijne beenen trok.
-
-Maar na een poosje, toen Esther op een der banken een bedje voor hem in
-orde gemaakt, en hem daarop had neergelegd, drongen de onaangenaamheden
-die hem wachtten, tot zijn bewustzijn door.
-
-Hij had thuis een wiegje, dat op een kleinen vergulden standaard
-rustte, die hem altijd een lust voor de oogen was--hij kon niet
-begrijpen, waarom hij dat moest ontberen, en genoegen nemen met een
-driedubbel gevouwen reisdeken. Hij was buitendien gewend aan een
-gedempt licht, eene stille kamer, en een waarschuwend fluisteren van
-sst! sst! wanneer de een of ander zoo ver ging, geritsel te maken.
-
-Hier flikkerde het groote, gele licht den geheelen tijd door, en elk
-der luidruchtige familieleden, in wier handen hij zooveel moest dulden,
-was niet verder dan een paar voet van hem verwijderd.
-
-Dus verhief hij zijne stem en schreide. En toen hij tot de ontdekking
-kwam, dat hij door schreien zijn wiegje niet kon terugkrijgen, evenmin
-als de kleine, dansende kwasten van het muskietengaas, begon hij
-twee tonen hooger, en toen zelfs op dat oogenblik Esther hem alleen,
-om hem te bedaren, op den schouder bleef kloppen, barstte hij in een
-oorverdoovend geschreeuw uit.
-
-Nellie liet al hare lange krullen over zijn gezichtje dansen, om
-zijne aandacht te trekken, maar hij pakte ze arglistig en trok er
-aan, tot haar de tranen in de oogen kwamen. Esther en Meg zongen
-wiegeliedjes tot haar keel haar begon pijn te doen. Judy probeerde in
-de kleine ruimte met hem op en neer te loopen, maar hij hield zich
-stijf in hare armen, en zij was niet krachtig genoeg om hem vast te
-houden. Ten laatste viel hij van uitputting in slaap, diep snikkend
-ademend en nu en dan een hikkend, droevig geluid makend.
-
-Toen werd Bunby slapende op den grond ontdekt, met zijn hoofd onder
-eene bank, en dus moest hij opgetild worden, en in eene gemakkelijker
-houding neergezet; en Baby, die in een hoekje rechtop neerzat,
-knikkebolde als een klein rose en wit meizoentje, dat door de
-zonnewarmte bedwelmd is.
-
-Een voor een verstreken de lange uren, steeds verder en verder stoof de
-trein met zijne roode oogen door het stille, slapende land, zwaaiende
-om reuzenbochten, langzamer zich tegen de steilten opwerkend, met
-pijlsnelle vaart door de eindeloos zich uitstrekkende vlakte snellend.
-
-De duisternis week voor een vaal licht, en mijlen lang verhieven zich
-nu, eentonig, jonge gomboomen tusschen den trein en den hemel. De zon
-verrees, en de aarde werd liefelijk en rozig, als een kind, dat uit
-zijne sluimering ontwaakt. En toen kwamen de vale tinten weer terug,
-de teedere, trillende lichteffecten verdoofden, en de regen begon
-te vallen. Stroomen regen, die tegen de ratelende vensters sloegen,
-voortgezwiept door een snijdenden morgenwind, die van de bergen kwam
-gevlogen. En zij waren een afgemat, slaperig kijkend, neerslachtig
-achttal, toen zij te vijf uur op het perron te Curlewis uit den waggon
-stapten. Judy hoestte van de vochtige morgenlucht en werd snel naar
-de wachtkamer gebracht en in een reisdeken gepakt.
-
-En toen werden hunne koffers en valiezen uitgeladen en de trein
-stoomde weer weg, en daar stonden zij nu treurig en verlaten te kijken,
-want het scheen wel, dat er niemand was, die hen kwam halen.
-
-Daar weerklonk het geluid van wielen, die door plassen rolden, het
-knallen van eene zweep, den hoefslag van paarden en zij stormden
-allen weer naar voren en keken over de witte paaltjes, die het perron
-afsloten, naar den weg.
-
-Zij zagen een groot, overdekt rijtuig, gemend door eene wijde, gele
-olie-jas, die zeker het omhulsel was van een koetsier, en nog een hoog,
-ander rijtuig, waarvan een zeer groote man afklom.
-
-"Vader!"
-
-Esther stormde naar buiten in den regen. Zij sloeg hare armen om
-den druipenden regenjas en eerst na een paar minuten hief zij zich
-weer op. Misschien was dit de oorzaak, dat hare oogen en wangen zoo
-vochtig waren.
-
-"Mijn klein meisje--Esther--kind!" zeide hij, en tilde haar bijna
-van den grond op, toen hij haar kuste, hetgeen een zonderlingen
-indruk op Meg maakte, in wier oogen hare stiefmoeder eene deftige
-persoonlijkheid was.
-
-Toen leidde hij hen allen snel naar de rijtuigen, vijf stapten in
-het eene en drie in het andere. Zij hadden nog vijf en twintig mijlen
-te rijden.
-
-"Wanneer hebben jelui het laatst iets gegeten?" vraagde hij; het speet
-hem de neerslachtige gezichtjes van de kinderen te moeten zien. "Moeder
-heeft cakes en sandwiches voor jelui meegegeven, maar koffie of iets
-anders warms kunnen we eerst krijgen, als we thuis zijn."
-
-Esther vertelde hem, dat zij te Newcastle, om negen uur, het laatst
-koffie gehad hadden, maar dat deze zoo brandend heet was geweest,
-dat zij haar grootendeels niet hadden kunnen uitdrinken, en weer vlug
-hadden moeten instappen. De zweep werd over de paarden gelegd en zij
-vlogen over de modderwegen in een draf, dien Pip, niettegenstaande
-zijne vermoeidheid, met genoeg bewonderen kon. Maar het was toch een
-zeer onbehagelijke rit, en de Generaal schreide bijna onafgebroken
-van het oogenblik van vertrek tot zij aankwamen, zeer tot Esthers
-misnoegen, want zoo kon zijn grootvader, bij deze eerste kennismaking,
-niet den besten indruk van hem krijgen.
-
-Ten slotte, toen iedereen begon te gevoelen, dat zijn geduld uitgeput
-raakte, verbrak een hoog wit hek de eentonigheid van druipend natte
-heggen.
-
-"We zijn thuis!" riep Esther vroolijk. Zij liet den Generaal op hare
-knie dansen.
-
-"Daar, van dat hek, viel mamaatje, toen zij drie jaar oud was,"
-zeide zij, en keek er vol genegenheid naar, toen Pip het open wierp.
-
-Nog eens ging het door den plassenden regen; de wielen rolden nu
-zacht voort, want de weg was bedekt met natte, gevallen bladeren.
-
-"Waar is het huis?" zeide Bunby, terwijl hij tusschen Pips arm die op
-den bok zat, door keek; hij zag nog steeds niets dan eene eindelooze
-laan van gomboomen. "Ik dacht dat je zeidet, dat wij er waren, Esther!"
-
-"O, het woonhuis is niet zoo dicht bij het hek als op Misrule,"
-zeide zij. En dit was inderdaad zoo.
-
-Vijftien minuten gingen voorbij alvorens zij de schoorsteenen konden
-ontdekken, toen moest er een tweede hek geopend worden.
-
-Er vertoonde zich aan hun oog een goed onderhouden grintweg,
-bloembedden met palmhegjes er om, een rijkdom van rozestruiken,
-die vooral Meg verheugde, en twee geschoren, nu zeer natte
-tennisgrasvelden.
-
-En toen het huis.
-
-De veranda trok al hun aandacht, want deze was zoo bijzonder groot,
-zoo groot als eene gewone kamer, en er stonden sofa's en stoelen,
-en tafeltjes hier en daar, hangmatten hingen in de hoeken, en eene
-dichte, groene kruipende plant met verregende vlinderbloemen slingerde
-zich tegen een buitenmuur.
-
-"He!" zeide Pip. "He! wat ben ik stijf! Neen maar, wat begin je
-daar nu?"
-
-Want Esther had haar zoontje op zijn knie gezet, gleed uit het rijtuig
-en liep de trap, die naar de veranda leidde, op. Daar stond een klein
-oud dametje, met eene heel groot huishoudschort voor. Esther sloot haar
-in hare armen, en zij kusten elkander en hielden elkander omstrengeld,
-tot zij beiden begonnen te schreien.
-
-"Mijn lief klein meisje!" snikte de oude dame, terwijl zij met bevende
-hand Esther's natte haren en nog natter wangen betastte.
-
-En Bunby, die ook dadelijk uitgestapt was keek van de slanke gestalte
-zijner stiefmoeder naar het kleine figuurtje van hare moeder en lachte.
-
-Esther snelde terug naar het rijtuig, nam den Generaal van Pip aan,
-en, weer de treden opspringende, legde zij hem in haar moeders armen.
-
-"Is hij niet een dikkertje!" zeide Bunby, deelende in haar trots. "U
-moet eens naar zijn beentjes zien!"
-
-De oude dame zat één oogenblik neer in den natsten stoel, dien zij
-vinden kon, en drukte hem tegen zich aan.
-
-Maar hij balde zijne verkleumde vuistjes, vocht zich vrij, en
-schreeuwde om Esther.
-
-Mr. Hassal had de rijtuigen nu ledig gepakt, en kwam de trap op.
-
-"Zou je hun niet eens iets te eten geven, moedertje?" zeide hij,
-en de oude dame liet in haar schrik haar kleinzoon bijna vallen.
-
-"Ach! ach!" zeide zij, "waar zijn mijne gedachten? Wel, wel! Dat ik
-daarvoor niet eerder gezorgd heb!"
-
-Tien minuten later hadden zij allen drooge kleederen aan, en zaten
-in de warme eetkamer met grooten eetlust te ontbijten.
-
-"Wat had ik een honger!" zeide Bunby. Hij had den mond vol geroosterd
-brood, en was bezig zijn vierde ei te openen, terwijl hij een schotel
-in het oog hield, waarvan het eene gedeelte met honig, het andere
-met geslagen room gevuld was.
-
-"Die lieve oude borden!" Esther nam het hare op, toen zij het
-leeggegeten had en keek vol liefde naar de blauwe rozen, die er op
-geschilderd waren. "En als ik bedenk, dat den laatsten keer, dat ik
-er van een at, ik..."
-
-"Een bruidje was," zeide de oude dame, "en den sluier hadt je toen
-weggeslagen, en iedereen keek naar je, want je sneedt de taart. Twee
-zijn er sedert dien tijd maar gebroken--en, het is waar ook, Hannah,
-het dienstmeisje, dat gekomen is na Emily, heeft den hengsel van het
-suikermandje gebroken en een stuk uit de spoelkom geslagen."
-
-"Waar zat vader toen?" vraagde Meg. In hare gedachten bevolkte zij de
-kamer met bruiloftsgasten, de ham en de coteletten, het geroosterde
-brood en de eieren en de schalen met vruchten, waren veranderd in
-eene groote, hooge, witte taart met zilveren bladeren.
-
-"Juist waar Pip nu zit," zeide mevrouw Hassal, "en hij hielp Esther
-met de taart, omdat zij haar met zijn sabel sneed. Wat heb je toen
-een groot gat in het tafelservet gemaakt, Esther, het was mijn beste
-damasten met de convolvulus-bladeren, maar ik heb het natuurlijk
-gestopt!"
-
-Baby had haar kop omgeworpen, en de koffie liep nu over haar heen en
-over haar bord en over Bunby, die naast haar zat.
-
-Zij barstte in tranen uit van vermoeidheid, en omdat zij zenuwachtig
-was door al het nieuwe, dat haar omringde. Zij gleed van haar stoel
-en onder de tafel. Meg tilde haar op.
-
-"Mag ik haar naar bed brengen?" zeide zij. "Zij schijnt doodelijk
-vermoeid."
-
-"Mag ik ook naar bed?" sprak Nellie, terwijl zij haar ontbijt verder
-liet staan en haar stoel naar achteren schoof. "Ik heb zulk een slaap!"
-
-"En ik dan!" Bunby at in vliegende haast alles wat op zijn bord lag
-en stond op. "En die akelige koffie loopt in mijne laarzen!"
-
-En dus, juist toen de zon begon te glimlachen en de tranen van den
-hemel weg te jagen, gingen zij allen naar bed om de schade van den
-onrustigen nacht in te halen, en het was zes uur en weer theetijd
-voor een van hen de oogen opende.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XVI.
-
-YARRAHAPPINI.
-
-
-Yarrahappini in den zonneschijn, dien zonneschijn, die den zilveren
-draad van den thermometer tot 100° doet stijgen!
-
-In de verte teekende zich aan drie zijden met eene zachte blauwe lijn
-eene heuvelreeks met bosschen af. En in den omtrek van het woonhuis
-waren de boomen krachtig en heerlijk groen, en de bloemen prijkten
-met een rijkdom van kleuren.
-
-Maar de vlakte, die zich daartusschen uitstrekte, was bruin. Haar
-bedekte verzengd gras, hier en daar afgewisseld door een plek
-vaalgroene halmen, terwijl kleine boschjes de ruggen der heuvels, die
-eenige afwisseling brachten in de rechte lijn der velden, bedekte,
-en weer in de hellingen verdwenen, waar gras en doorngewas welig
-groeiden. Het hoofdstation bestond uit een klein dorp op den top
-van een heuvel. Jaren geleden, toen Esther niet grooter was dan haar
-kleine Generaal nu, had er alleen eene ruw getimmerde woning gestaan
-op den heuveltop, met een paar hutten van boomschors als bijgebouwen.
-
-En Mr. Hassal was van den morgen tot den avond in het zadel geweest,
-en had harder gewerkt dan twee van zijne drijvers samen, en mevrouw
-Hassal had hare liefhebberijen laten rusten, hare handwerken, hare
-guitaar, haar schilderdoos, en had geschrobd en gekookt en gewasschen
-als menige vrouw van een landbezitter vóór haar gedaan had, tot de
-angstig verbeide wolmarkt hun betere dagen bracht.
-
-Toen verrees eene groote, steenen woning juist tegenover het kleine,
-oude buitenhuis met zijn door flesschen afgeperkt tuintje, waar
-nooit iets aristocratischers te zien was geweest dan de snuitjes
-van biggetjes en scharlakenroode geraniums. Het was een zeer mooi
-buitenhuis, met eene menigte luchtige kamers, vele vensters en een
-diepe veranda. Het kleine roode gebouwtje was keuken, buitendien
-bevatte het kamertjes voor de twee dienstmeisjes, en aan het groote
-woonhuis was het met eene overdekte gang verbonden.
-
-Een honderd ellen ver weg stond eene woning, die twee vertrekken
-bevatte, en bewoond werd door den zoon van een Engelschen baronet,
-die tegen zeventig pond in het jaar en vrijen kost, de boeken van
-Yarrahappini hield en het opzicht voerde over de magazijnen.
-
-Nog wat verder stonden twee hutten van boomschors, zij waren tegen
-elkaar aan gebouwd. Tettawonga, een oude, kromme inboorling, woonde
-in de eene, en voerde weinig meer uit, dan rooken, en iederen morgen
-vertellen, wat hij van het weer dacht. Twintig jaar geleden had hij
-meegeholpen om een stevig fundament te maken voor het roode woonhuis,
-dat geheel gereed gebouwd daarheen was gebracht op een grooten,
-door ossen getrokken wagen.
-
-Voor vijftien jaar had hij met zijn tomahawk een van twee
-struikroovers, die zich in Yarrahappini poogden te nestelen, in de
-afwezigheid van den eigenaar gedood, en had hij de kleine bevende
-mevrouw Hassal en Esther naar eene veilige plaats gebracht, was
-teruggegaan, en had den anderen een slag op het hoofd gegeven, die
-hem bedwelmde, tot hulp kwam opdagen.
-
-Zoo had hij zich natuurlijk een recht verworven op de hut en het
-dagelijksch rantsoen en de pijp, die nooit van zijne lippen kwam.
-
-Twee werklieden van de bezitting woonden in de andere hut, wanneer
-zij niet uit waren naar veraf gelegen weiden.
-
-Vlak bij het huis was een groot, waterdicht gebouw, met eene zware,
-van een hangslot voorziene deur.
-
-"O, laten we daar eens ingaan," zeide Nell, aangetrokken door de
-grootte van het hangslot; "het ziet er uit als een huis, waarin
-schatten geborgen worden, uit een boek. Mogen we er niet in,
-grootmamaatje?"
-
-Zij waren bezig alle gebouwen te verkennen--de zes kinderen in een
-troepje, mevrouw Hassal, die zij allen "grootmamaatje" noemden,
-zeer tot haar genoegen, en Esther met den jongen.
-
-"Je moet het gaan vragen aan Mr. Gillet," zeide de oude dame, "hij
-bewaart de sleutels van het voorraadshuis. Kijk, hij woont aan den
-overkant in dat huisje naast het waterreservoir, en spreekt beleefd,
-kinderen, alsjeblieft!"
-
-"Zulk een beschaafd man," zeide zij zachtjes tot Esther, "zoo knap,
-zoo welgemanierd, als hij alleen maar niet zoo dronk."
-
-Meg en Judy gingen, met Baby achter haar aan rennende, zoo vlug als
-hare korte beentjes het haar veroorloofden.
-
-"Binnen!" zeide eene stem, toen zij klopten.
-
-Meg aarzelde zenuwachtig, en een man opende de deur. Een groote,
-magere man, met rustelooze, zwaarmoedige oogen, een bruin, breed
-voorhoofd, en zorgvuldig geknipten baard.
-
-Judy deelde mede, dat mevrouw Hassal hen gezonden had om de sleutels,
-als hij er niet tegen had.
-
-Hij verzocht haar binnen te komen en te gaan zitten, terwijl hij naar
-het gevraagde zocht.
-
-Meg was verwonderd over de kamer, gelijk hare blauwe oogen duidelijk
-te kennen gaven, want zij had alleen maar van hem hooren spreken als
-van den magazijnmeester. Er was een boekenrekje, waarop zij Shakespeare
-en Browning en Shelley en Rosetti en Tennyson, William Morris en vele
-anderen zag, waarvan zij vroeger nooit gehoord had. Er hingen aardig
-in een lijst gezette photographieën en gravures van Engelsche en
-Europeesche tafereelen aan de muren. Er was een klein geëmailleerd
-zilveren vaasje op een hoekje, en eenige bloemen met lange ranken
-bloeiden daarin. De tafel met de overblijfselen van het ontbijt er
-op, was even keurig op kleine schaal als die, welke zij zooeven had
-verlaten, in het groote woonhuis.
-
-Hij kwam uit de binnenkamer terug met de sleutels. "Ik was bang, dat
-ik ze op eene verkeerde plaats gelegd had," zeide hij. "De middelste
-past op het hangslot, Miss Woolcot; de dikke koperen is voor de twee
-kisten, en de lange stalen voor de kast."
-
-"Dank u vriendelijk; ik vrees, dat wij u bij het ontbijt gestoord
-hebben!" zeide Meg, terwijl zij opstond en eene kleur kreeg, omdat
-zij dacht, dat hij hare verbazing over het boekenrekje had opgemerkt.
-
-Hij deed, alsof hij hare verlegenheid niet merkte en hield de deur voor
-haar open, met eene buiging, waar wel iets hoffelijks in was. Althans,
-dit vond Meg, terwijl zij vol verbazing er over peinsde, hoe het
-kon, dat men gezouten vleesch bij den centenaar en kisten vol meel
-bezat. Hij keek haar na, toen zij over het gras liepen--ten minste
-hij keek naar Meg in haar luchtig mousselinen japonnetje met licht
-blauw ceintuur, Meg met haar strooien zonnehoed en haar glanzende
-vlecht van kroezend haar, die tot op haar middel hing.
-
-Judy's lange zwarte beenen en verkreukt batist kleedje hadden niets
-schilderachtigs.
-
-Mevrouw Hassal maakte het hangslot van het voorraadshuis open. Welk
-een koor van "o's!" en "hè's!" rees er op uit de kinderen.
-
-Baby had nog nooit in haar leven zooveel suiker bij elkaar gezien;
-naar haar gezichtje te oordeelen, was zij wel gaarne een paar uur
-alleen in deze groote kamer geweest.
-
-En dan de krenten! Er was een groote houten kist boordevol--het
-zouden wel ongeveer vijftig pond zijn, dacht mevrouw Hassal, toen
-zij er haar naar vraagden.
-
-Bunby nam stil een handvol weg en stopte die in zijn zak, terwijl
-iedereen bezig was naar den berg van kaarsen te kijken.
-
-"Zelf gemaakt, liefje, natuurlijk!" zeide de oude dame. "Wel, ik
-zou er niet toe kunnen overgaan eene gekochte kaars te gebruiken,
-evenmin als gekochte zeep!"
-
-Zij liet hen de groote staven van zuiver ruikende, gele zeep zien,
-en fijnere, lichter gekleurde voor de waschtafel.
-
-Hammen en zijden spek hingen in groot aantal aan de balken. "Dit zijn
-schapenhammen," zeide zij, wijzende naar een gedeelte. "Die heb ik
-voor de drijvers."
-
-Pip wenschte te weten, of het de bedoeling was, dat het magazijn hun
-moest dienen voor hun geheele leven, er was genoeg; hij was verbaasd
-te hooren, dat het iedere zes maanden opnieuw voorzien werd.
-
-"Twintig tot dertig man, dat zijn dus de grenswachters en drijvers
-op verschillende gedeelten der bezitting, en tweemaal dit aantal
-in scheer- of drijfjachttijd, om niet te noemen de daglooners,
-die iederen dag hier werken--het is, alsof men een leger voedt,
-kinderen!" zeide zij. "En dan moest ik toch ook zorgen, voor jelui
-allen genoeg voorraad te hebben--vooral voor Bunby."
-
-Zij knipoogde schalks met hare kleine, grijze oogen, toen zij naar
-dien kleinen jongen keek.
-
-"U kan ze terugkrijgen," zeide Bunby, half pruilend. Hij haalde een
-half dozijn krenten uit zijn zak te voorschijn. "Ik had niet gedacht,
-dat het u iets kon schelen, bij zulk eene menigte; wij hebben maar
-eene flesch vol thuis."
-
-Waarop de oude dame hem op zijn hoofd tikte, een blik openmaakte,
-en zijne handen met vijgen en dadels vulde.
-
-"En moet u iederen dag voor al die mannen koken?" zeide Meg, benieuwd
-welke keukenkachel daar groot genoeg voor zijn kon.
-
-"Neen, schatje!" antwoordde de oude dame. "Wel neen! Iedere man
-zorgt voor zich zelf in zijne eigen hut; zij krijgen zelfs niet eens
-brood, alleen porties meel, om voor zich zelf hun twaalfuurtje te
-bereiden. Ook geven wij hun eene bepaalde hoeveelheid vleesch, thee,
-suiker, tabak, kaarsen, zeep en nog het een en ander."
-
-"Waar bewaart u de wol en zulke dingen?" zeide Pip, wiens geest zich
-verheven gevoelde boven de zelfgemaakte kaarsen; "ik kan geen enkele
-loods of iets dergelijks ontdekken."
-
-Mevrouw Hassal deelde hem mede, dat die op een mijl afstand stonden,
-bij het riviertje, waar de schapen op een bepaalden tijd van het
-jaar gewasschen en geschoren werden. Maar de hitte was te groot, dan
-dat zelfs Pip verlangde, om juist nu er heen te gaan; dus namen zij
-Mr. Hassal in beslag, verlieten grootmama met Esther, den Generaal en
-Baby, en gingen naar de uit baksteen gebouwde stallen in de nabijheid.
-
-Daar waren drie of vier voertuigen met kappen, maar in het geheel
-geen paarden, deze waren verderop in de weiden. Zij liepen over het
-grasveld den heuvel op. Een half dozijn paarden gaven gehoor aan een
-eigenaardig gefluit van Mr. Hassal; de andere waren wilde, ongetemde
-dieren, die de manen schudden en op het zien van menschen naar de
-verst afgelegen gedeelten, waar de boomen groeiden, vluchtten.
-
-Pip koos er een uit, een grijs, met lange harddraverspooten, en
-een smallen mooien kop; hij was wat trotsch, dat hij verstand van
-paarden had! Judy koos een zwart, met roodachtige, beweeglijke oogen,
-maar Mr. Hassal stond het haar niet toe, daar het een wisselvallig
-temperament had, en dus moest zij zich tevreden stellen met een bruin
-diertje, met zachten, satijnachtigen neus.
-
-Meg vraagde om een "heel erg mak" op fluisterenden toon, zoodat Judy
-en Pip haar niet konden hooren, en kreeg een oud beestje, dat mevrouw
-Hassal achttien jaar geleden gedragen had. Ieder dier was bestemd om
-geheel ter beschikking te staan van het jonge volkje, gedurende hun
-verblijf te Yarrahappini. Maar de ritjes moesten plaats hebben voor
-het ontbijt of na de thee (werd hun gezegd), als zij er eenig genoegen
-van verwachtten; het was anders te warm om paard te rijden. Nellie
-was teleurgesteld in de schapen, uitermate teleurgesteld. Zij had
-verwacht, groote, sneeuwwitte dieren te vinden, die tam zouden zijn,
-en haar zouden toelaten, linten om hunne nekken te strikken, en hen
-rond te leiden.
-
-Van den heuveltop zag zij den volgenden morgen het eene omheinde
-grasveld na het andere, elk met eene bruine, langzaam bewegende massa;
-zij rende naar beneden, door den zonneschijn, met Bunby, om ze van
-dichterbij te bekijken.
-
-"O, hoe jammer!" riep zij uit, en ware tranen van teleurstelling
-sprongen haar in de oogen, toen zij de groote, luie dieren met hunne
-lange, vuile, gehavende vachten zag.
-
-"Wacht maar een tijdje, vrouwtje!" zeide Mr. Hassal. "Wacht maar,
-tot dat wij ze baden!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XVII.
-
-DE RUNDEREN VAN YARRAHAPPINI.
-
-
- "De wilde stugge kudde te drijven in de omheining ...
- Met een loopend vuur van zweepen en vurig hoefgetrap ...."
-
-
-Pip kan nauwelijks slapen op een nacht, een maand na hunne aankomst,
-daar hij dacht aan de vee-drijfjacht, die op het programma stond voor
-den volgenden dag. Hij was aan het zoeken geweest naar de eene of
-andere nieuwe bezigheid, want hij was een jongen, voor wien afwisseling
-het zout van het leven was. In het begin was hij er zeker van geweest,
-nooit het konijnenschieten vervelend te gaan vinden. Mr. Hassal had
-hem het "aardigste, bovenste beste geweertje" gegeven, en Tettawonga
-was den eersten dag met hem uitgegaan, en had zijne opgetogenheid,
-dat hij er twee geschoten had, met groote minachting bejegend.
-
-"In de boschjes, konijn genoeg. Jager kan gaan naar het noorden,
-naar het zuiden, jager kan gaan waarheen hij wil. Bah, ieder goed
-prikkeldraad doet, elk goed vergif doet. Bah!"
-
-Maar Pip kon niet zoo spoedig ontmoedigd worden en dacht werkelijk,
-dat hij den Yarrahappinischen staat een groot voordeel gedaan had,
-door die twee zachte, vlugge, bruine diertjes te schieten. Hij nam
-ze mee naar huis, en liet ze vol trots aan de meisjes zien, maakte
-zijn volkomen schoon geweer schoon, en ging den volgenden dag met
-zijne uitvallen voort.
-
-Tettawonga nam zijne pijp van zijne lippen, toen hij hem weer zag,
-en lachte, een luiden, gichelenden lach, die Pip rood deed worden
-van drift.
-
-"Morgen en morgen weer! Konijn nu gauw weg gaat. Jongen komt met groot
-geweer, konijn dadelijk bang is, gaat onder den grond. Ha, ha, hi, hi!"
-
-Pip begreep zijn gebrekkig Engelsch genoeg om te weten, dat met hem
-den draak gestoken werd, en zeide hem boos: "zijn zottepraat voor
-zich te houden."
-
-Daarop schouderde hij het geweer, waarop hij zoo overmatig trotsch
-was, en ging naar den anderen kant van de prikkeldraadomheining,
-waar het gelukkig jachtterrein was van het kleine knaagdier, dat
-Mr. Hassal belette rijk te worden.
-
-Hij schoot er dien dag vijf, den volgenden vier, den daarop volgenden
-zeven, maar na een tijdje begon het hem te vervelen, en ging hij op
-vogels jagen, met meer plezier, maar minder zekerheid van de vangst.
-
-Iederen dag was tot aan den rand gevuld met genietingen, en was het
-alleen maar niet zoo ontzaglijk warm geweest, dan zou die eerste
-maand te Yarrahappini er een geweest zijn, van volkomen tevredenheid
-en geluk.
-
-En nu was er de vee-drijfjacht!
-
-Het ontbijt werd op den morgen van de groote gebeurtenis zeer vroeg
-gebruikt; tegen half zes was het reeds afgeloopen, en Pip, in een
-koorts van rusteloosheid, vertelde aan Mr. Hassal, dat hij er zeker
-van was, dat zij te laat zouden zijn, en alles misloopen.
-
-Judy had ijverig gepleit, om toestemming te krijgen mede te gaan, maar
-iedereen zeide, dat hiervan geene sprake kon zijn--het werd zelfs in
-twijfel getrokken, of het verstandig was Pip toe te staan het gevaar
-onder de oogen te komen, dat onafscheidelijk is van het drijven van het
-wildste gedeelte der kudde, dat van veraf gelegen weiden was opgejaagd.
-
-Maar hij had zoo naar den dag verlangd, en zich zoo doelmatig gekleed,
-dat Mr. Hassal niet het hart had, hem thuis te laten.
-
-Hij kwam naar beneden om te ontbijten in een baaien hemd en een oude,
-saaien broek, om zijn middel vastgemaakt met een lederen gordel, in
-welken een ontbloot dolkmes, pas geslepen, los weg was gestoken. Geen
-overreding kon hem er toe brengen eene jas te dragen, noch het mes
-in de scheede te bergen.
-
-Het grijze paard werd om het huis naar de trap der veranda gebracht,
-evenals Mr. Hassal's prachtig rijdier. Mr. Gillet zat op een goed
-onderhouden appelschimmel; hij had drie zweepen met houten handvat,
-twee van wel zestien voet lang, de derde was korter, en deze bood
-hij Pip aan.
-
-Het gelaat van den jongen gloeide. "Hoera, Fizz!" riep hij uit, en hij
-stond in de stijgbeugels op en zwaaide de zweep om zijn hoofd. "Wat
-zou je er voor geven, om van plaats te ruilen?"
-
-Hij drukte de sporen in de zijden van het paard en stortte zich
-holderdebolder in een wilden galop den heuvel af.
-
-Het was anderhalve mijl naar de omheinde grasvelden voor de kudden,
-en daar heerschte de grootste opgewondenheid.
-
-Pip kon niet begrijpen van waar al die mannen gekomen waren. Er
-waren wel twintig of dertig drijvers; scheerders, die niets te doen
-hadden; twee inboorlingen, buiten Tettawonga, die rookte en slaperig
-en vergenoegd toekeek, en verscheidene andere werklieden der bezitting.
-
-Op het eerste omheinde grasveld waren vijfhonderd stuks vee, die
-daar den nacht te voren in gedreven waren, en die nu den aanblik
-van een zee van wildzweepende staarten en hoorns aanboden.--Wat een
-hoorns!--groote, gekromde, angstverwekkende hoorns, waarmede zij
-elkander openreten en woedend bevochten, daar zij zagen, dat zij niet
-bij den gemeenschappelijken vijand konden komen.
-
-In het eerste oogenblik voelde Pip zich een weinig afkeerig de veilige
-plaats op den rug van zijn paard te verlaten. Het gedreun van de
-hoeven en hoorns, de wilde aanvallen, gedaan door de wanhopige dieren
-op de omheining, deden hem verwachten, deze iedere minuut krakend te
-zien bezwijken.
-
-Maar al de anderen waren gaan zitten op de bovenste dwarslat van de
-omheining, en keken neer op de verwoede dieren; daarom maakte hij
-ten slotte zijne teugels aan een boom vast en trad omzichtig vooruit,
-om dit voorbeeld te volgen.
-
-Op een plotseling signaal van Mr. Hassal lieten de mannen zich aan
-beide zijden aan den binnenkant der omheining zakken. Het doel was
-een tweehonderd stuks vee in de aangrenzende versterkte omheining, van
-welke het hek wijd open stond, te drijven. Pip was hoogst verwonderd
-over den moed der mannen; voor een oogenblik had zijn hart in zijn
-keel geklopt, toen de eene stier na den anderen zich een weg door
-hen trachtte te banen; maar de lucht weergalmde van zweepgeklap en
-van het geluid van stokslagen, en het eene beest na het andere trok
-naar het midden terug, den kop druipend van bloed.
-
-Toen holde een ontzaglijk groot zwart dier, met een gebrul, dat
-den grond scheen te doen trillen, woest springend naar het hek;
-de geheele kudde kwam achter hem aan. Bliksemsnel vormden de mannen
-achter hen eene rij, schreeuwend, gillend, klappend met de zweepen,
-om ze vooruit te drijven. Pip vloog op, en hitste ze aan, geheel
-buiten zich zelven van opwinding. Toen hield hij zijn adem weer in.
-
-Mr. Hassal en een van de inboorlingen slopen behoedzaam vooruit,
-langs den doorgang, door welken de onstuimige stroom van hoorns en
-ruggen zich stortte. Een half dozijn krachtige slagen van de mannen,
-en de laatste aanvoerder deinsde één oogenblik achteruit, de troep
-achter zich terugdringend.
-
-In dit oogenblik hadden de twee mannen de sluitboomen dichtgeschoven
-en de kudde was in twee gedeelten verdeeld.
-
-Wederom twee rijen drijvers, zweepgeklap, gebrul, bloed, hoorns,
-huiden, en hoeven in de lucht, en een veertig- of vijftigtal was
-binnen de derde omheining geborgen,--eene lange, nauwe ruimte met
-eene opening aan het eind, leidende naar de eindafdeeling.
-
-Pip leerde van Mr. Gillet het doel van deze afscheiding: sommige
-der dieren waren bijna waardeloos, men had hen aan een opkooper
-toegewezen voor een paar pond het stuk, enkel de waarde van de hoorns,
-de huid en het vleesch. Andere waren voortreffelijke, vette beesten,
-gereed voor den slager en de markt van Sydney. En andere weer bleken
-buitengewoon schoone dieren van groote waarde als fokvee, en moesten
-in een afzonderlijk perk gebracht worden.
-
-De man bij den laatsten doorgang verrichtte bet hoogst gewichtige werk
-van het uitkiezen. Hij was gewapend met een korten, dikken stok, en
-terwijl de andere mannen de dieren naar hem toe dreven, besliste hij
-bliksemsnel tot welke klasse zij behoorden. Een hevige slag op den
-neus, eene vlugge opeenvolging van harde slagen tusschen de oogen,
-en het meest woeste beest deinsde verblind terug waarheen de drijver
-het zond. Den geheelen dag werd het werk voortgezet, en juist toen
-de groote, warme, purperen schaduwen schuin over de vlakten begonnen
-te vallen, verzekerden zij den laatsten sluitboom, was het gevecht
-afgeloopen, en waren de dieren in de voor hen bestemde perken.
-
-Pip at genoeg gezouten vleesch en ander voedsel om hem half dood
-te maken, dronk meer thee dan waarover hij ooit beschikt had op
-één avond in al zijn veertien jaar, slingerde zich in zijn zadel,
-daarbij den oudsten drijver zoo goed mogelijk nadoende, en bedacht,
-dat als hij slechts eene zwarte, leelijke pijp zooals Tettawonga
-en de andere mannen kon hebben, zijn geluk volmaakt en hij een man
-geworden zou zijn.
-
-Hij kwam thuis "zoo moe als een hond", en vermaakte zijne zusters en
-Bunby met een levendig verhaal van de gebeurtenissen van den dag,
-terwijl hij breedvoerig uitweidde over zijne eigen kracht en de
-menigvuldige gevaren, waaraan hij ontsnapt was.
-
-Den volgenden dag reden Esther en Judy met de anderen naar de omheinde
-grasvelden om vee te zien wegdrijven.
-
-De besten van het gedeelte, die Mr. Hassal alleen verlangd had af te
-scheiden, niet te verkoopen, waren door het hek naar buiten gedreven,
-terug naar hunne vroegere velden en weiden.
-
-De "landopeters", een honderd vijftig stuks, met een half dozijn
-drijvers, gezeten op de beste paarden der bezitting, die voor
-hen uitgezocht waren, werden bevrijd uit hunne opsluiting, in een
-toestand van waanzinnige woede, met veel geklap van zweepen en gegil,
-samengedreven tot eene kudde, en over de vlakte voortgejaagd in de
-richting van den weg. En een uur of twee later werd de beste troep
-slachtvee weggeleid, en wederom heerschte er rust op Yarrahappini.
-
-Gedurende de twee dagen van opwinding hadden alle kinderen omtrent
-hunne toekomst een besluit genomen. Zij hadden allen beroepen gekozen
-van landelijken aard.
-
-Pip was van plan drijver te worden en vee te merken en kudden op te
-jagen, zijn geheele leven door. Judy besloot zijn aide-de-camp te zijn
-op voorwaarde, dat hij haar in het zadel liet blijven, en haar eene
-even lange zweep als hij had, verschafte. Meg dacht, dat het haar wel
-zou aanstaan, den rijksten squatter van Australië te trouwen, en den
-Gouverneur en den Premier te logeeren te krijgen voor jachtpartijen
-en dergelijke dingen, en bals te geven, waarheen alle menschen uit
-honderd mijlen in den omtrek zouden komen. Nell besloot, dat zij zeep
-en kaarsen, zoowel gekleurde als ongekleurde zou maken, als zij tot
-de jaren des onderscheids zou gekomen zijn, en Baby had grooten zin
-kampen vol lieve lammertjes te houden, die nooit schapen werden.
-
-Bunby geraakte over geen dezer plannen in vuur.
-
-"Ik zou liever willen zijn, zooals Mr. Gillet!" zeide hij, en zijne
-oogen keken droomerig.
-
-"Daar zou ik voor danken. Geen boeken en cijfers! Geef mij een gedeelte
-van Salt Bush, en eenige duizenden schapen!" zeide Pip.
-
-"Hoor hij, hoor hij!" riep Judy er tusschen.
-
-"Ezels!" zeide Bunby op een toon van groote minachting. "Bewaart
-Mr. Gillet niet de sleutels van het magazijn?--denk dan toch eens
-aan de krenten en vijgen!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XVIII.
-
-DE PICNIC TE KRANGI-BAHTOO.
-
-
-Esther was naar een bal gegaan, niet in eene lichte japon met groote
-pofmouwen, met lagen hals, verrukkelijk schoon onder haar châle en
-kanten, niet door den duisteren nacht naar eene zee van licht en
-liefelijke muziek.
-
-Zij was gegaan, in het heldere licht van den morgen, in eene linnen
-japon met lichtblauw overhemd, een matrozenhoedje, en eene reisvoile.
-
-Onder den bok, waarop Mr. Hassal zat, stond eene doos, waarin zich
-eene mooie japon bevond van lichtgele zijde, opgemaakt met luchtig
-chiffon. En daar waren gele schoenen en kousen, een veeren waaier in
-eene hoedendoos op haar schoot, en een keurige onderrok met sleep,
-versierd met allerliefste strookjes, die Meg hartelijker dan ooit
-deed verlangen, groot te zijn. Maar geen van deze dingen zou nog in
-de eerste uren worden gebruikt.
-
-Het bal had plaats in eene woning, die de kleinigheid van vijf en
-vijftig mijlen ver van Yarrahappini gelegen was, en dus had zij
-natuurlijk tamelijk vroeg moeten vertrekken, om zich op haar gemak
-te kunnen "mooi maken" zooals Pip dit noemde.
-
-De kinderen zouden, als eene vergoeding daarvoor, dat zij aan dit
-genoegen geen deel konden nemen, onder elkander een buitengewonen
-picnic mogen houden.
-
-In de eerste plaats was de plek, die zij daarvoor uitgekozen hadden,
-veertien mijlen ver; in de tweede plaats zou de reis daarheen niet
-in alledaagsche rijtuigen of op gewone paarden gemaakt worden, maar
-op een sleeperswagen, getrokken door een span van twaalf ossen.
-
-Een grenswachter had gemeld dat een prachtige gomboom, dien zij lang
-den Koning der Koree's genoemd hadden, door eene hevige windhoos
-omgewaaid was geworden, en Mr. Hassal beval dadelijk dat, hoe groot
-de moeite ook zijn zou, hij weggehaald moest worden om eene soort
-van dam dwars door het riviertje te Krangi-Bahtoo, de plaats, waar
-men den picnic wilde houden, te vormen. De gevallen woudreus lag
-twintig mijlen van het woonhuis, en zes mijlen van Krangi-Bahtoo;
-en de afspraak was, dat de wagen het gezelschap veertien mijlen ver
-zou rijden, dan den boom zou halen, en hem bij het riviertje brengen,
-waar hij voorloopig kon blijven liggen, en vervolgens de kinderen in
-de koelte van den avond weer als rijtuig zou dienen.
-
-Wanneer het niet zijn plan geweest was zijne dochter op het bal
-te vergezellen, zou Mr. Hassal zelf gegaan zijn om een oog op de
-werkzaamheden te houden. Nu vertrouwde hij echter den grooten kar
-aan vier mannen toe, en gelastte hun, een paar helpers te gaan halen,
-wanneer zij aangekomen zouden zijn.
-
-Krangi-Bahtoo--of Eendenwater, zooals wij, minder welluidend, zouden
-zeggen--was de naam van den oorsprong van het riviertje, dat den
-grond uitholde en een poel vormde, tot het zich juist op dit punt
-een weg begon te banen, tusschen steile rotsen door en losse steenen,
-waar de kangoeroes dartelden en met de jagers verstoppertje speelden,
-terwijl het beschaduwd werd door blauwe gomboomen en roode gomboomen,
-die zich in den blauwen hemel daarboven schenen te verliezen.
-
-Tettawonga had verteld van een geest, die daar woonde, waar het
-borrelende water een vijver vormde, een diepen schoonen vijver,
-welks oevers door fijne varens sierlijk omlijst werd, en welks
-waterspiegel de zware, dichte boomen, die hem als met een gordel
-omgaven, weerkaatste.
-
-Het water had daar leven gebracht, de zwarte zwaan bouwde zijn nest
-tusschen het grasachtige riet, de wilde eend nam in zig-zag lijnen
-zijn vlucht. In de boomen huisden de orgelvogel, de glansspreeuw,
-eenige soorten van paradijsvogels, en vervulden de lucht met geluiden,
-hoewel dan ook niet met liefelijk gezang. En de bruine, de zwarte, en
-eene menigte andere vergiftige slangen gleden kronkelend tusschen de
-gevallen bladeren en het gras, en hielden zich gereed, elken indringer
-te ontvangen. En zoo kwam het, dat er eene voorwaarde verbonden was
-aan den picnic, die den kinderen overigens zoo van harte gegund werd.
-
-Een ieder mocht medegaan, en mocht op den ossenwagen meerijden,
-maar de picnic moest op eenigen afstand van het ravijn gehouden
-worden en niemand had verlof zich daarheen te begeven, op straffe
-van oogenblikkelijk terug naar Sydney gezonden te worden.
-
-Zij beloofden allen, dit bevel te zullen opvolgen. Mevrouw Hassal,
-nietig als zij was, verstond de kunst, zich onvoorwaardelijk te
-doen gehoorzamen.
-
-Toen werd er een ongelooflijk aantal manden, volgepakt met allerlei
-heerlijke eetwaren, op den wagen gezet.
-
-Mr. Gillet zou medegaan, om de kinderen niet geheel onder elkaar te
-doen zijn, en om op te passen dat niemand een zonnesteek kreeg.
-
-Hij had Heine in den eenen zak als voorbehoedmiddel tegen de
-verveling, die deze lange, ongewone dag misschien zou meebrengen;
-een zwaarlijvigen, uitpuilenden Tennyson in den anderen, en een
-pak Engelsche couranten onder zijn arm, toen hij op den wagen klom,
-waar alle zeven reeds gezeten waren. Alle zeven? Zeker.
-
-Judy had zonder den Generaal niet van de partij willen zijn, en had
-gezegd "met haar leven er voor te zullen instaan," dat hem geene
-ongelukken zouden overkomen.
-
-Mr. Gillet keek bijna verstoord, toen hij het geheele troepje aanwezig
-vond, zonder dat de tot ondeugendheid neigenden thuis bleven, of iemand
-anders buiten hem zelven mee ging, die eenig gezag kon uitoefenen. Een
-oogenblik twijfelde hij, onder de gegeven omstandigheden, aan zijn
-persoonlijk overwicht.
-
-Judy ving den weifelenden blik op.
-
-"U zegt bij u zelven een gedicht op, Mr. Gillet!" zeide zij.
-
-"Ik?" sprak hij, en keek verwonderd. "Werkelijk niet. Waarom denkt
-u dat, Miss Judy?"
-
-"Ik kan het duidelijk hooren!" zeide zij. "Uwe oogen vertellen er van,
-en uw linker oor, om niet te spreken van de punten van uw snor."
-
-"Judy!" riep verwijtend Meg, die door de eene of andere omstandigheid
-buitengewoon stil was.
-
-Hij wendde voor, boos te zijn--sloot zijne oogen, hield zijn linker
-oor vast, en bedekte zijn snor.
-
-"Wat zouden ze kunnen zeggen?" sprak hij.
-
-
- ""O, dat ik was waar 'k wilde zijn!
- Dan was ik niet, waar ik nu ben;
- Maar waar ik ben, daar moet ik zijn,
- En waar ik 't wilde, kan ik niet."
-
-
-Meg, ik verzoek je vriendelijk uit te scheiden, met op mijne teenen
-te trappen!"
-
-En zoo werd Mr. Gillet zelfs vroolijk en spraakzaam, om te toonen,
-dat hij zich amuseerde, en de ossen werden aangestoken door den
-opgewekten geest, die achter hen heerschte, en bewogen zich een klein
-weinig sneller voorwaarts dan slakken. Toen zij ongeveer tien mijlen
-ver gekropen waren, begon de langzame beweging en de hitte, die op
-hen neerviel, hen een weinig te kalmeeren.
-
-"Als er niet iemand is, die een liedje zingt, of een verhaal vertelt,
-of iets voordraagt, of een grapje vertoont, dan stap ik uit en prik
-de ossen met mijn hoedenaald!" zeide Judy.
-
-Zij stond op om hare stijf geworden beenen te ontspannen, en poogde
-zelfs een pas-de-seul uit te voeren, maar een gleuf in den weg was
-oorzaak, dat aan hare bewegingen alle bevalligheid ontbrak. Zij viel
-weer op den wagen neer.
-
-"Hoe zou u het vinden, als ik u eens eenige gedichten voorlas, Miss
-Meg?" zeide Mr. Gillet.
-
-Zijne hand tastte naar zijn zak, de groote, zware Tennyson werd te
-voorschijn gehaald; maar Judy en Pip en Bunby en Nell en Baby deden
-een kreet van verontwaardiging hooren.
-
-"Dan zou ik nog liever uit willen stappen en de ossen en alles
-voortslepen!" zeide Pip; dus werd het boek weer weggeborgen.
-
-"Een verhaaltje over het een of ander," zeide Judy,--"over een
-koekoeboerra, als u niets beter verzinnen kan!"
-
-Zulk een vogel--met een deftig, geheimzinnig uiterlijk--zat op
-eene haag aan den kant van den weg, en zoo kwam juist hij Judy in
-de gedachten.
-
-"Wel, u zou een vervelender verhaaltje kunnen hooren dan dat wat ik ken
-over den koekoeboerra, of goboerra of landmansklok--of hoe u hem wil
-noemen," zeide Mr. Gillet, en streek peinzend langs zijn snor; "maar
-eigenlijk is Tettawonga de man, om deze oude legenden te vertellen;
-wat ik u zal mededeelen, is dus maar een verhaal uit de tweede hand,
-en vrij vertaald."
-
-Judy zette zich tot luisteren, en wiegde den Generaal heen en weer,
-om hem stil te houden.
-
-"Wacht even tot ik deze vrucht naar hem heb geslingerd"--zeide Pip,
-haalde er een uit zijn zak, en verdreef den vogel van de haag. "Hij
-mocht eens de leugens, die er over hem verteld worden, hooren en zich
-gekrenkt gevoelen."
-
-"Voor vele, vele jaren," Judy trok den neus op bij dit ouderwetsche
-begin, "voor vele, vele jaren," zeide Mr. Gillet, "toen dit jonge land
-nog jonger was, en onvergelijkelijk veel schooner, toen Tettawonga's
-voorvaderen dapper en sterk en gelukkig waren als zorgelooze kinderen,
-toen hun verschrikkelijkste droom hun nog nooit van een tijd had
-doen droomen zoo verschrikkelijk als de blanke man over hun ras zou
-brengen, toen--"
-
-"O, spaar ons de inleiding!" pruttelde Pip ongeduldig.
-
-"Toen," vervolgde Mr. Gillet, "om kort te gaan, een Gouden Eeuw dit
-land in zijn zonneschijn hulde, spreidden een jonge koekoeboerra
-en zijn wijfje de vleugels uit, en vertrokken naar de purperen
-bergen aan gene zijde der gomboomen. Iederen nacht en iederen
-dag hielden zij eenigen tijd rust, om zich met wormen, hagedissen,
-boschmuisjes en rupsen te voeden, hetgeen toen het eenige voedsel was
-der koekoeboerra's. Op een dag, toen zij over een bilwy vlogen--wat
-een klein stroompje is, Miss Judy--waren zij zeer verschrikt, toen zij
-een wipparoo--de naam, dien Tettawonga aan eene slang geeft, Pip--over
-een steen zagen liggen. Hare kop was opgeheven, haar mond wijd open,
-en haar nek zeer opgeblazen, en juist boven den kop van het monster
-fladderde, angstig klapwiekend en piepend, een mooi klein vogeltje,
-dat de koekoeboerra dadelijk herkende als zijnde de jeeda, het kleine
-blauwe winterkoninkje.
-
-"De wipparoo scheen al het mogelijke te doen, om het aardige kleine
-diertje, dat van vrees en opwinding bijna uitgeput was, angstig
-te maken. Het vloog steeds naderbij, staarde onafgebroken in de
-glinsterende oogen der slang, en ten laatste, met een doordringenden
-schreeuw, viel het hulpeloos in zijne gapende kaak. De koekoeboerra's
-waren zeer bedroefd, toen zij het treurige uiteinde van de arme
-jeeda zagen, en vlogen vlug weg uit het gezicht van de vreeselijke
-wipparoo. Weldra zagen zij haar echter haastig door het gras glijden,
-zonder twijfel op weg naar haar hol na het uitgezochte maal. Zij
-kwam langs een blok hout, dat langzaam lag te branden, en zoodra de
-wipparoo dit ontdekt had, legde zij zich, daar zij zeer moede was,
-er naast neer, en sliep den slaap des onrechtvaardigen.
-
-"In haar droom zag zij de jeeda weer boven zich fladderen, en
-plotseling haar kop ver omhoogstrekkende, opende zij haar vreeselijke
-kaken--toen eensklaps het mooie, blauwe vogeltje er zich uit bevrijdde,
-en ongedeerd vlug weg vloog."
-
-"Heb ik van mijn leven!" zeide Bunby. "Ga voort; die was nog handiger
-dan Jonas!"
-
-"De koekoeboerra's waren zoo verheugd, toen zij de wonderbare redding
-van de jeeda zagen, dat zij in een luid gelach uitbarstten--de eerste
-keer, dat een vogel gelachen heeft. Toen zonk de groote, roode zon,
-die Tettawonga en alle Koree's, Euroka noemen, weg achter de oranje
-getinte bergen, en de wereld werd grijs.
-
-"Een slanke, jonge Koree, die kwam aanwandelen, zag de wipparoo, en
-met een slag van zijn sterke nulla-nulla, dat, vertaald, een knots is,
-scheidde hij haar kop van haar lichaam."
-
-"Ik zou haar om mijn hoofd gezwaaid en haar rug verbrijzeld hebben,
-zooals Tettawonga doet!" zeide Pip. "Weet u zeker, dat hij het ook
-niet zoo deed, Mr. Gillet?"
-
-"Daar zou ik niet gaarne een eed op moeten doen," zeide deze heer,
-"aangezien de Koree het tijdelijke met het eeuwige verwisseld
-heeft, en dus niet als getuige kan opgeroepen worden. En verder: de
-koekoeboerra's sluimerden den geheelen nacht in een dichtbijzijnden
-boom; maar toen de zon weer begon haar boog langs den hemel te
-beschrijven, ontwaakten zij met een lach op hunne lippen--snavels
-moest ik zeggen, Miss Judy--want zij dachten er aan, hoe de jeeda
-aan de onbarmhartige wipparoo ontsnapt was. En sedert dien tijd,
-zoo sterk werkte dit voorval op hunne lachspieren, bij zonsopgang
-en zonsondergang, en ook wel eens tusschen dien tijd, barsten deze
-vreemdsoortige vogels in het lachen uit, dat u allen goed kent, en
-wanneer zij eene slang zien, pakken zij haar met hunne sterke bekken
-en dooden haar, als de Koree deed.
-
-"Miss Meg, die zilverachtig groene gomboom voor u, duidt Eendenwater
-aan."
-
-Wat waren zij verheugd eindelijk te kunnen opstaan en hunne ledematen
-op den grond uitstrekken. Niemand van hen had gedacht, dat met een
-ossenspan rijden zoo vervelend, saai en ongemakkelijk was, als het
-na de eerste paar mijlen bleek te zijn.
-
-Toen zette de wagen zijn weg voort.
-
-"Ik ben benieuwd of zij terug zullen zijn vóór zonsondergang, als zij
-niet wat vlugger voortmaken," zeide Mr. Gillet; "het is nu tijd voor
-den lunch."
-
-Zij bevonden zich op een groot grasveld, dat aan eene zijde plotseling
-naar het ravijn en het moerassige land afdaalde, hetwelk bekend was
-onder den naam van "Eendenwater."
-
-Groote boomen wierpen hun schaduw aan den eenen kant, en langs den
-anderen bevond zich de omheining van prikkeldraad, die aantoonde,
-dat zij zich nog niet van Yarrahappini verwijderd hadden; verder op
-stond de eenzame hut van een der drijvers.
-
-Zij gingen gezamenlijk naar hem toe, om hem te spreken en om zijne
-eenzame woning te zien, vóór hij zich bij de mannen met den kar zou
-gevoegd hebben.
-
-Zij kwamen in eene kleine kamer, met een grooten haard en een
-schoorsteen, waaraan een pan, een ketel, een kop en een lepel
-hingen. Er stond een leger in eenen hoek, met een paar blauwe dekens er
-op, eene houten tafel en een stoel in het midden van het vertrek. Bij
-den haard was eene ruwe kast tegen den muur bevestigd. Zij was van eene
-oude zeepkist gemaakt, en bestemd, om levensmiddelen te bergen. Aan
-een spijker in de lage zoldering hing een zak van muskietengaas,
-en de gonzende vliegen, die hem omgaven, gaven te kennen, dat hij
-vleesch bevatte. De muren waren behangen met menig nummer van Het
-geïllustreerde Nieuwsblad van Sydney en De Courant voor Stad en Land,
-een courant van een maand oud lag op den stoel, waar de eigenaar hem
-had neergeworpen.
-
-De drijver was eene studie in bruine tinten: bruine, droomerige
-oogen; bruin, stoffig haar; eene bruine, door de zon uitgedroogde
-en verschrompelde huid, een bruine, onverzorgde baard, eene bruine
-broek van geribd fluweel, en eene bruine jas.
-
-Zijne pijp was evenwel zwart--zij zag er uit, alsof zij minstens
-twintig jaar was gebruikt geworden.
-
-"Zou u niet liever dichter bij het woonhuis willen zijn?" vraagde
-Meg. "Is het hier niet eenzaam?"
-
-"Daar merk ik niets van," zeide de bruine man tot zijne pijp of
-zijn baard.
-
-"Wat voer je wel uit als je niet in de velden bent?" vraagde Pip.
-
-"Rooken," zeide de man.
-
-"Maar Zondags, en 's avonds?"
-
-"Rooken," zeide hij.
-
-"Op Kerstdag," zeide Baby, vooruitdringend om dezen vreemden man te
-zien, "wat doet u dan?"
-
-"Rooken," antwoordde hij.
-
-Judy wenschte te weten hoe lang hij in het kleine huis gewoond had,
-en allen stonden versteld toen zij hoorden, dat hij zeven jaar lang
-daarin den meesten tijd had doorgebracht.
-
-"Verleer je wel eens niet het praten?" zeide zij met eene stem,
-waaruit schrik en verbazing spraken.
-
-Maar hij antwoordde kalm zijn baard dat er toch altijd de kat was.
-
-Baby had haar reeds gevonden onder de petroleum-aetherkan, die als
-emmer dienst deed, en het dier had haar op drie plaatsen gekrabd:
-bruin, als haar baas, had zij kwaardaardige oogen, groote snorren en
-was mager als een hout; maar eene genegenheid, die reeds jaren bestond,
-verbond die beiden.
-
-Mr. Gillet deelde hem Mr. Hassal's verlangen mede, dat hij de andere
-mannen zou vergezellen en bij den boom helpen.
-
-Hij trok een bruinen hoed over zijn voorhoofd en begaf zich naar
-den ossenkar, die den kronkelenden weg opgekropen was tot bij den
-heuveltop.
-
-"Water van de ton, is dichterbij dan de rivier!" sprak hij tot zijne
-pijp voor hij heenging, en zij vonden zijn watervoorraad en vulden
-hun ketel voor den lunch.
-
-De gebraden kippen en eendvogels van mevrouw Hassal smaakten
-uitstekend, hoewel de zon haar best deed, ze zelfs op de schotels
-nog te braden. En de appeltaart en abrikozengebakjes verdwenen snel,
-en van de vruchtensalade, welke uit twee hermetisch gesloten flesschen
-te voorschijn kwam, bleef geen lepelvol over.
-
-Mr. Gillet had alles medegebracht om een meelkoek te bereiden, op
-uitdrukkelijk verzoek, en maakte na den lunch daartoe aanstalten,
-opdat zij den koek bij hun thee 's middags zouden kunnen nuttigen.
-
-De koek werd zonder twijfel bewonderenswaardig vlug klaar gemaakt.
-
-Mr. Gillet schudde eenvoudig eenig meel uit een zak op een bord,
-voegde daar een weinig zout en wat water bij; toen kneedde hij dit
-alles, vormde van het deeg een koek, en legde dezen op de asch van
-het vuur, waarna hij hem met de warme, witte asch bedekte.
-
-"Hoe vies!" zeide Nell, en trok haar mooi neusje op.
-
-Maar toen hij gaar was, en Mr. Gillet hem opnam en de asch
-verwijderde--zie! toen was hij luchtig en licht en prachtig wit.
-
-Dus aten zij hem, en spraken vol geestdrift af, bij iederen volgenden
-picnic in de grasvelden van Misrule zulk een koek te maken.
-
-Zij vulden twee borden met eetwaren en zetten deze in de kast van den
-bruinen man en Mr. Gillet legde zijne ongelezen Engelsche couranten
-op den stoel naast de kast.
-
-"Die courant is een maand oud," zeide hij, ootmoedig, ziende dat Meg
-voor de eerste maal dien dag, hem glimlachend aankeek.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XIX.
-
-EEN LICHTBLAUW HAARLINT.
-
-
- "Zij in haar maagdelijke schoonheid
- Als een heiligenbeeld zoo rein--
- Hoe zouden die smarten en zonden,
- Voor haar gevaarlijk ooit zijn?"
-
-
-Aanleiding tot de omstandigheid, dat onze aanminnige, bleeke Margaret
-karig met hare glimlachjes was geweest, had dezelfde man, die alleen
-ze miste, gegeven.
-
-Eene warme vriendschap was in deze maand ontstaan tusschen het kleine,
-bevallige meisje, dat met zulke heldere, blauwe oogen eene toekomst
-tegemoet zag, die, dit gevoelde zij, schoon moest zijn, en den man,
-welke zooveel doorleefd had, welke terug kon staren op een verleden,
-dat zwart en treurig was door zijne eigen schuld.
-
-Hij reed iederen dag met de meisjes uit, omdat mevrouw Hassal het
-niet aangenaam vond, wanneer zij verre afstanden alleen aflegden;
-en daar Judy haar paard zelden stapvoets liet loopen, en Meg het hare
-niet kon laten galoppeeren, was het natuurlijk, dat hij den geheelen
-tijd door aan de zijde der bedaarde en vreesachtige rijdster bleef.
-
-"U herinnert mij aan een zusje van mij, dat gestorven is!" zeide
-hij eens langzaam tot Meg, na een vertrouwelijk gesprek. "Misschien,
-als zij nog in leven was, zou ik nu niet zoo verachtelijk zijn!"
-
-Megs gelaat overtoog een hoogroode blos, en pijnlijk ontroerd keek
-zij voor zich. Het kwam haar vreeselijk voor, dat hij zou weten,
-dat zij niet onkundig was van zijne afdwalingen.
-
-"Wie weet, of zij niet om u lijdt!" fluisterde zij zoo zacht, dat
-hij haar nauwelijks verstaan kon, en toen deed hare vermetelheid
-haar verbleeken, en zij liet haar paard een weinig sneller loopen,
-om hare verschrikte blikken te verbergen.
-
-Op den terugweg viel het lichtblauwe haarlint, dat haar vlecht hield
-samengebonden, op den grond. Hij steeg af, en raapte het op. Meg
-strekte hare hand er naar uit, maar hij maakte den strik los, en wond
-het langzaam om zijne groote hand.
-
-"Mag ik het houden?" zeide hij met zachte stem. "Als mijn blauwe
-lint? Ik ken de voorwaarden, waartoe men zich daardoor verbindt."
-
-"Als u daaraan zou willen denken--o, als u dat wilde ..." zuchtte
-Meg meer, dan dat zij het sprak. Toen kwam Judy aangegaloppeerd,
-en zij reden alle drie naast elkander naar huis. Het maakte haar zoo
-gelukkig gedurende de warme, lange dagen, die nu volgden; voor een
-meisje, dat juist het leven binnentreedt, kan er geen reiner, dieper
-gevoel van vreugde bestaan, dan dat wat haar geschonken wordt door
-het bewustzijn, dat zij een invloed ten goede uitoefent op een man
-of eene vrouw, ouder dan zij zelve, bezoedeld en levensmoede. Arme
-kleine Meg! In hare liefelijke, zonnige droomen had zij haar grooten
-protégé gezien als wederom zijnde een man onder mannen, met opgeheven
-hoofd zijne plaats in de wereld innemende, terugkeerende naar het
-moederland en de jonkvrouw afhalende, die volgens hare vruchtbare
-verbeeldingskracht daar geduldig op hem wachtte; en, dit alles omdat
-zij, Meg Woolcot, zich zijner had aangetrokken, en hem den weg had
-gewezen, dien hij moest volgen.
-
-En toen ging zij zich in een hangmat in de veranda aan de achterzijde
-van het huis wiegen, en al hare luchtkasteelen stortten in, en kwetsten
-en verwondden haar in hun val.
-
-Achter haar bevond zich eene dichte kruipende plant, en door de takken
-en bladeren heen kon zij Tettawonga hooren praten met de keukenmeid.
-
-"Mr. Gillet weer aan den gang!" zeide hij, en grijnsde met den kant
-van zijn mond, waar de pijp niet was. Meg hief zich in doodelijken
-schrik op. Sedert zij te Yarrahappini was, had zij deze uitdrukking
-te dikwijls met betrekking tot werklieden van de bezitting hooren
-gebruiken, om niet te weten, dat daaronder een aanval van hevige
-drankzucht verstaan werd.
-
-"Goede hemel! Dat verwondert me niets!" zeide de dienstbode. "Hij is
-den laatsten tijd veel te matig geweest; ik denk, dat hij geprobeerd
-heeft nuchter te blijven zoolang de logés er zijn, maar dat kan hij
-toch niet volhouden! Wie heeft nu de sleutels?"
-
-"Mevrouw Hassal," zeide hij. "Jij haar gaan helpen--hij zal vandaag
-wel niet naar de magazijnen omzien, Mr. Gillet--hi, hi, ha, ha!"
-
-Dat was er dus met hem gebeurd in die drie dagen, gedurende welke
-zij hem niet gezien had! Zij had gehoord, dat hij in opdracht van
-Mr. Hassal naar de naastbijwonende buren gereden was, maar had er
-niet aan gedacht, dat hem zoo iets zou overkomen zijn. Den vijfden
-dag had zij hem in de verte gezien, eens, toen hij uit de magazijnen
-kwam en eens toen hij buiten zijne eigen deur stond te rooken, en
-geen van beide keeren had zij iets buitengewoons aan hem waargenomen,
-alleen misschien, dat zijne schouders iets meer gebogen waren.
-
-Den zesden dag had de picnic plaats.
-
-Even luchthartig en vroolijk als de anderen kon zij niet zijn, nu zij
-zoo teleurgesteld, nu haar vertrouwen in de menschen zoo geschokt was.
-
-Wat was hij zwak, dacht zij; hoe karakterloos! Al haar medelijden
-had plaats gemaakt voor eene jeugdige, diepe verontwaardiging.
-
-Zij had hem ternauwernood hare hand gereikt, toen zij elkander in den
-morgen ontmoet hadden, en was gedurende den langen rit opzettelijk
-koud en uit de hoogte tegen hem.
-
-Na den lunch geraakte het gezelschap verspreid. Judy nam den Generaal
-en ging met hem naar den kant der boomen; Pip en Bunby hielden zich
-bezig met sprinkhanen vangen; Baby en Nell plukten wilde bloemen. Meg
-knielde neer om de lepels en vorken in te pakken en de overgeschoten
-eetwaren weer in de manden te leggen, om ze voor de mieren te
-beveiligen.
-
-"Dat zal ik wel doen--u ziet er zoo warm uit, Miss Meg; blijf u maar
-kalm zitten!" zeide Mr. Gillet.
-
-"Dank u, ik wil het liever zelf doen," antwoordde Miss Meg, met
-ijskoude kalmte.
-
-Zij keek hem niet aan, maar hare lippen stonden zoo strak, dat hij kon
-vermoeden hoe toornig de blik harer heldere, blauwe oogen zijn moest.
-
-Hij bood niet nogmaals zijne diensten aan, maar bleef haar met eene
-raadselachtige uitdrukking op het gelaat aan zitten staren, terwijl
-zij het een en ander inpakte. Toen zij bijna gereed was, haalde hij
-iets uit zijn zak te voorschijn.
-
-"Dit moet ik u terug geven," zeide hij, en overhandigde haar het blauwe
-lint, keurig opgevouwen, maar daar, waar het gestrikt was geweest,
-kreukels vertoonende.
-
-Zij nam het aan zonder hare oogen op te slaan, verkreukelde het in
-hare hand, en stak het in haar zak.
-
-"Ik had bijna gehoopt, dat u het mij zou hebben laten behouden,
-ondanks alles"--zeide hij, "als een talisman voor de toekomst, maar
-uwe lippen zijn te streng, Miss Meg, dan dat ik deze hoop langer zou
-kunnen koesteren."
-
-"Het zou even vruchteloos zijn, als het geweest is!" antwoordde zij
-stijf. Maar hare handen bewogen zich zenuwachtig, en zij pakte de
-resten van een ham en van een confiturentaart samen in een mand.
-
-"Dus behoef ik mij geene illusies te maken?" zeide hij.
-
-"Het zou tot niets leiden!" herhaalde Meg, terwijl zij sinaasappels
-en bananen met eene verhoogde kleur opraapte.
-
-Hij begrijpt niet, hoe slecht hij geweest is, hij denkt, dat alles
-maar dadelijk vergeven en vergeten moet zijn, dacht zij.
-
-Hij ledigde langzaam den trekpot op den grond, sloot hem met zijn
-zwart geworden deksel, en bond er eene courant om heen. Toen keek
-hij weer naar haar, en de wijze, waarop haar zijdeachtig haar op haar
-voorhoofd viel, deed hem aan zijn gestorven zusje denken.
-
-"Ik smeek u mij het lint terug te geven, Miss Meg!" zeide hij.
-
-Megs hart en hoofd kampten een hevigen strijd; haar hart was gevoelig
-en warm, en zeide haar, het lint te voorschijn te halen, en het hem
-dadelijk te geven; het hoofd sprak, dat hij zwaar gezondigd had, en dat
-zij hem haar misnoegen moest laten blijken, zelfs wanneer zij hem ten
-laatste zijn verzoek zou toestaan. Het hoofd behaalde de overwinning.
-
-"Mijn invloed is klaarblijkelijk vruchteloos,--dat eindje lint zou
-in de toekomst toch niets baten!" zeide zij zeer koud.
-
-Hij leunde tegen den boom en gaapte, alsof het onderwerp hem verder
-geene belangstelling inboezemde.
-
-"U heeft gelijk!" zeide hij.
-
-Meg had min of meer een gevoel van verslagenheid.
-
-"Als u werkelijk veel aan het lint gelegen is, kan u het natuurlijk
-hebben!" zeide zij uit de hoogte.
-
-Zij nam het uit haar zak, en reikte het hem toe.
-
-Maar hij deed geene poging het aan te nemen.
-
-"Behoud het en bind er uw haar weer mede vast, juffertje!" zeide
-hij. "Inderdaad, ik geloof ook niet, dat het van eenig nut zou zijn."
-
-Meg ging met gloeiende wangen voort, alles, op te bergen, en hij
-stopte zijne pijp en rookte, en sloeg haar al dien tijd lui gade.
-
-"Het is wel vreemd," zeide hij, meer alsof hij bij zich zelf eene
-opmerking maakte, dan dat hij tot haar sprak, "maar de vrouwen,
-die er het zachtst uitzien, zijn bijna altijd het hardst."
-
-Meg opende haar mond om te spreken, maar vond geene woorden, dus
-sloot zij hem weer, en begon voor de vierde maal Mevrouw Hassal's
-vorken te tellen.
-
-"Zou u het mij kwalijk nemen, Miss Meg, als ik u een raad gaf, in
-ruil voor alles, wat u voor mij deed?" zeide hij, nam zijne pijp
-uit zijne mond en keek naar het zilveren beslag, alsof hij de daarop
-gegraveerde letters wilde ontcijferen.
-
-"Zeker niet!"
-
-Zij legde het pakje neer en keek met kalme, verwonderde oogen tot
-hem op. "Zeg wat u wil, ik zal het gaarne aanhooren."
-
-Hij ging rechtop zitten, en speelde met het uiteinde van een riem,
-terwijl hij sprak.
-
-"U heeft broers," zeide hij, "eens zullen zij dingen doen, die
-minder goed zijn,--want alleen vrouwen als u, Miss Meg, en engelen
-kunnen altijd het rechte pad blijven bewandelen. Wees niet te hard
-voor hen. Doe geene poging, om hen het onderscheid te laten merken
-tusschen uwe deugd en hunne verdorvenheid. Zij zullen het duidelijk
-genoeg zien, maar het zal hun niet aangenaam zijn, als gij er hen
-opmerkzaam op maakt. Wees vriendelijk en vergevensgezind--zij zullen
-zich zoo rampzalig gevoelen, als ge maar kunt wenschen. De wereld
-heeft een eigenaardigen afkeurenden blik, en een onuitputtelijken
-schat van liefdelooze woorden--zou men niet kunnen volstaan, met er
-haar het monopolie van te laten?"
-
-"O!" zuchtte Meg. Hare wangen waren donkerrood, en alle hoogheid was
-uit hare houding verdwenen.
-
-Hij wond met groote zorg den riem om niets en ging met zachte stem
-voort:
-
-"Veronderstel, dat Pip den een of anderen dag iets zeer verkeerds deed,
-en dat de wereld steenen op hem wierp, tot hij gewond en gebroken
-was. En veronderstel, dat hij, diep treurig, thuis kwam bij zijne
-zusters. En Meg, die alles wat slecht is, verafschuwt, werpt nog eenige
-kleine steentjes op hem, opdat de pijn hem eene les zou geven, welke
-hij niet meer zou kunnen vergeten. En Judy, die bedenkt, dat hij haar
-broer is en verdriet heeft, slaat hare armen om hem heen, en spreekt
-hem moed in, en helpt hem weer den strijd met de wereld beginnen, en
-voegt hem geen hard woord toe, noch ziet hem met een boozen blik aan,
-want zij denkt, dat die hem reeds genoeg worden toegevoegd. Welke
-zuster denkt u, Miss Meg, zal den meesten invloed hebben?"
-
-Meg's kleine, liefelijke mond trilde, hare oogen waren strak
-neergeslagen, omdat de tranen er uit zouden gesprongen zijn, als zij
-zou hebben opgekeken.
-
-"O!" zeide zij nogmaals. "O, wat ben ik slecht geweest--o!"
-
-Zij bedekte het gelaat met hare handen, want een der snel opgewelde
-tranen trilde aan hare wimpers.
-
-Mr. Gillet legde den riem en de pijp neer, en keek naar haar met een
-zachten, teederen blik.
-
-"Ik ben meer dan tweemaal zoo oud als u, Miss Meg, bijna oud genoeg om
-uw vader te zijn,--u vergeeft mij, nietwaar, dat ik u dit alles heb
-gezegd? Ik dacht aan mijn zusje, dat gestorven is. Ik had nog eene
-zuster, die was een jaar ouder, maar zij was hardvochtig--ééns maar
-ging ik naar haar toe. Zij is eene der beste vrouwen van Engeland
-nu, maar hare woorden zijn streng. Mijne kleine Miss Meg, ik kan de
-gedachte niet verdragen, dat u misschien ook hardvochtig zou worden."
-
-Dikke tranen waren tusschen de vorken gevallen. Meg schreide, omdat zij
-wel moest bedenken, welk een hatelijk schepsel zij was. Eerst had Alan
-haar de les gelezen, en over zijn zusje gesproken, en nu ook deze man.
-
-Hij gaf een verkeerden uitleg aan haar zwijgen.
-
-"Ik heb het recht niet, zoo tot u te spreken, omdat mijn leven alles
-behalve onbevlekt is geweest, dat denkt u op het oogenblik, nietwaar,
-Miss Meg?" zeide hij zeer treurig.
-
-Meg liet hare handen vallen.
-
-"O neen!" zeide zij. "O! hoe kan u op die gedachte komen? Ik vind het
-alleen zoo vreeselijk, dat ik zoo slecht geweest ben!" Zij greep in
-haar zak en nam er het lint uit.
-
-"Wil u het terugnemen?" zeide zij.--"O, neem het, ik gevoel me anders
-zoo schuldig. O, ik bid u, neem het!"
-
-Zij keek naar hem met vochtige, smeekende oogen, en strekte de hand
-met het lint naar hem toe.
-
-Hij nam het, streek het glad, en legde het in zijn zakboek.
-
-"God zegene u!" zeide hij, en de toon waarop hij deze woorden uitte,
-deed Meg snikken.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XX.
-
-JUDY.
-
-
-Over het gras vloog eene kleine, lichte gestalte, Judy in een rose
-japonnetje met hare woeste krullen dansende om haar gelaat.
-
-"Wil u zoo graag een zonnesteek krijgen--waar is dan toch uw hoed,
-Miss Judy?" vraagde Mr. Gillet.
-
-Judy schudde hare donkere haren.
-
-"Dat kan ik heusch niet zeggen," antwoordde zij,--"de Generaal wil
-eene banaan, en als jelui alle sinaasappels opgegeten hebt, bezwijk
-ik binnen de eerste vijf minuten!"
-
-Meg schoof den mand met vruchten over het servet naar haar toe,
-en beproefde hare oogen door den rand van haar hoed te verbergen.
-
-Maar Judy's schitterende, donkere kijkers hadden de vochtige wimpers
-op het eerste gezicht ontdekt.
-
-"U heeft zeker allerlei domme gedichten zitten voorlezen, waardoor Meg
-is gaan schreien!" zeide zij, met een uitdagenden blik van Mr. Gillet
-naar het boek op het gras. "U beiden moest u schamen, hoort dat
-nu thuis op een picnic? In ieder geval heeft het sinaasappelen
-uitgespaard!"
-
-Zij nam een half dozijn groote sinaasappelen uit den mand, evenals
-vier of vijf bananen, en liep met vluggen tred terug naar de boomgroep,
-waar de Generaal in zijn linnen jurkje, juist kon gezien worden.
-
-Hij zat kalm in den grond te wroeten en de aarde in zijn kleinen,
-rooden mond te stoppen, toen zij met de bananen terugkwam.
-
-Hij keek met een allerliefsten glimlach tot haar op.
-
-"Baby!" zeide zij, en wierp zich op hem in een van hare ontstuimige
-buien van teederheid--"baby!"
-
-Zij kuste hem wel vijftig maal; het gevoel van liefde, dat zij voor
-dit kleine, dikke, vuile ventje koesterde, overstelpte haar somstijds.
-
-Toen trok zij hem op hare knie en veegde met een punt van zijn jurkje
-zooveel mogelijk de aarde uit zijn mond.
-
-"Narna," zeide hij, zich losworstelende, tot hij weer op den grond
-zat; dus ontdeed zij eene groote gele banaan van de schil, en gaf
-hem die in zijne kleine hand.
-
-Hij at er iets van, en kneep de rest stijf tusschen zijne handjes,
-daarop keek hij er vol genoegen naar, hoe het moes in kleine,
-op wurmen gelijkende rolletjes tusschen zijne dikke vingertjes te
-voorschijn kwam.
-
-Toen smeerde hij het in zijn gezichtje, en wreef het zelfs over zijn
-haar, terwijl Judy met haar vijfden sinaasappel bezig was.
-
-Dus moest zij hem natuurlijk klappen geven, omdat hij zoo vies was,
-of voorwenden dit te doen, wat op hetzelfde neerkwam. En toen moest
-hij haar slaan, hetgeen niet bij voorgewende klappen bleef.
-
-Hij sloeg haar met een stok, dien hij bij zich vond, hij beukte op
-haar gezicht en rukte aan haar haar en liet zich zelf telkens op haar
-neervallen, en dit alles zoo vol ijver en met zulk een grooten ernst,
-dat zij, ook wanneer hij haar werkelijk pijn deed, niets kon doen
-dan lachen.
-
-"Dood?" zeide hij ten laatste angstig. En zij begon luid te schreien,
-het gezicht in de handen en met schokkende schouders, zooals het
-voor eene boetvaardige berouwhebbende past. En toen sloeg hij zijne
-armpjes om haar hals, en pakte haar, en zeide "Ju-Ju" met een gedempt
-stemmetje, en klopte haar op de wangen, en gaf haar wel honderd stijve,
-natte zoentjes met zijn open mondje, tot zij weer bijgekomen was.
-
-Daarop speelden zij krijgertje, en de Generaal viel wel twintig maal
-op den grond, en schramde zijne knieën en zijne handen, en hief zich
-weer op, en waggelde weer verder.
-
-Plotseling bleef Judy stil staan; een insect was bezig zich in
-haar pols te boren. Alleen de twee zwarte pooten staken nog buiten
-haar huid uit, en geruimen tijd trok zij en trok zij zonder eenig
-gevolg. Toen brak het insect in tweeën, en zij moest de eene helft
-laten waar zij was, in de hoop dat grootmama er haar later wel van
-zou kunnen bevrijden.
-
-Twee of drie minuten lang was zij bezig geweest met hare pogingen,
-om het dier te verwijderen, en toen zij opkeek was de Generaal een
-eindje verder, en liep weg zoo vlug als zijne kleine dikke beenen dit
-toelieten, altijd denkende, dat zij achter hem aan kwam. Juist, toen
-zij weer begon te loopen, keek hij om, met schitterende, ondeugend
-kijkende oogjes, en een lachend gezichtje, dat o! zoo vuil was.
-
-En toen--ach God!
-
-Het is zoo hard dit te moeten schrijven. Mijne pen vertelde tot nu
-toe slechts zonnige tafereelen, en nu!
-
-"Jij kleine ondeugd!" riep Judy, en deed, alsof zij zeer vlug
-liep. Toen scheen de geheele wereld voor hare oogen te draaien.
-
-Een boom stortte neer, een van de zware, hooge stammen, die reeds
-lang geene bladeren meer droegen. Hij had den geheelen dag staan
-wankelen, door en door vermolmd; nu kwam een windvlaag opzetten,
-die hem neerstrekte. Een woesten, schorren kreet stootte Judy uit,
-toen snelde zij voort, met uitgestrekte armen op het kleine ventje af,
-dat met lachende oogen en lippen vlak op zijn dood afliep.
-
-De slag deed de boomen rondom schudden, de lucht scheen te splijten.
-
-Zij hadden het gehoord--al de anderen--den wilden kreet, en toen het
-dreunende gekraak.
-
-Hoe trilden hunne knieën! hoe bleek waren hunne gezichten, toen zij
-allen naar de plaats, vanwaar het geluid gekomen was, snelden.
-
-Zij wentelden hem van de kleine lichaampjes af--den langen
-zilverachtigen stam, waarop de gom droog en dood in streepen
-kleefde. Judy lag met het gelaat naar den grond en uitgestrekte armen.
-
-En onder haar lag de Generaal, een beetje verdrukt, hoogst verbaasd,
-maar volkomen ongedeerd.
-
-Meg sloot hem één oogenblik in haar armen, maar zette hem toen neer,
-en voegde zich bij de anderen, die vlak om Judy stonden.
-
-O dat kleine, donkere, stille hoofd, dat onbeweeglijke lichaampje in
-zijn rose, verkreukt kleedje, die kleine, magere, uitgestrekte handen!
-
-"Judy!" zeide Pip, met smeekende, hevig angstige stem.
-
-Maar het eenige antwoord was de wind in de kronen der boomen en de
-hijgende ademhaling der anderen.
-
-Mr. Gillet begreep, dat hij handelend op moest treden. Hij ging met
-Pip naar de hut van den drijver, en zij namen de deur uit hare lederen
-hengsels en droegen deze de heuvel af.
-
-"Ik zal haar optillen," zeide hij, en sloeg zijne armen om de kleine
-gestalte, lichtte haar langzaam, langzaam, zachtjes op, en legde haar
-op de deur met het gelaat naar den hemel gericht.
-
-Maar zij kreunde--o, hoe kreunde zij!
-
-Pip, die, bij het eerste teeken van leven zijn keel als het ware had
-voelen dichtknijpen, kon zich bijna niet meer goed houden, toen deze
-korte, jammerende tonen over hare lippen kwamen.
-
-Zij hieven de draagbaar op, en brachten haar naar de kleine hut op
-den top van den heuvel.
-
-En toen sprak Mr. Gillet, buiten de deur, tot Pip en Meg, die beiden
-verslagen, door den schrik geheel verdoofd, schenen.
-
-"Het zal uren duren, voor wij hulp kunnen krijgen, en het is nu vijf
-uur!" zeide hij. "Pip, er woont een dokter te Boolagri, tien mijlen
-van hier. Haal hem--loop den geheelen weg door hard. Ik zal terug
-naar huis gaan--dat is veertien mijlen. Miss Meg, ik kan niet in
-een ommezien terugzijn. Ik zal een rijtuig halen, de ossenkar gaat
-te langzaam, en schudt te veel, hij kan niet dienen, ook al kwam hij
-dadelijk terug, U moet bij haar blijven, en haar water geven als zij
-daarom vraagt--dat is alles wat u voor haar doen kan."
-
-"Zou zij dood gaan?" zeide Meg.
-
-Hij dacht aan alles wat zou kunnen gebeuren alvorens hij hulp bracht,
-en durfde haar niet onvoorbereid achterlaten.
-
-"Ik denk, dat haar ruggegraat gebroken is," zeide hij zeer kalm. "Als
-dit zoo is, dan is er geene hoop meer."
-
-Pip snelde den weg op, waarlangs hij den dokter bereiken kon.
-
-Mr. Gillet gaf nog een paar aanwijzingen, toen keek hij naar Meg.
-
-"Alles hangt van u af; u moet kalm en bedaard blijven!" zeide
-hij. "Verleg haar niet, blijf gedurig bij haar."
-
-Hij begaf zich naar den weg, die naar beneden leidde.
-
-Zij vloog hem achterna.
-
-"Zou zij sterven terwijl u weg is?--en er niemand anders dan ik bij
-haar blijft?"
-
-Hare oogen staarden hem woest, vol doodelijken angst aan.
-
-"God weet het!" zeide hij, en ging verder.
-
-Het kwam hem bijna te wreed voor, het jonge meisje alleen achter te
-laten, haar alleen zulke vreeselijke uren te laten doorbrengen.
-
-"Help mij, goede God!" steunde zij, terwijl zij terugijlde, maar niet
-naar de zware, laaghangende wolken keek. "Help mij, goede God! God,
-help mij, help mij!"
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XXI.
-
-TOEN DE ZON ONDERGING.
-
-
-Welk een zonsondergang!
-
-Van af den voet van den met gras begroeiden heuvel strekte zich een
-vurig roode hemel uit, met purperen donzige wolken, die in banken
-boven elkaar gestapeld waren, tot waar de wegstervende gloed in het
-verbleekende blauw wegsmolt. De boomgroep was zwart van kleur geworden,
-en strekte sombere, roerlooze, scherp tegen den oranjekleurigen
-achtergrond uitkomende armen uit. De wind was geheel gaan liggen,
-en de lucht drukte op alles, warm en bezwaard met de beklemmende
-vreemde stilte van het bosch.
-
-En op den top van den heuvel, in de deur van de kleine, bruine hut,
-hare wijdgeopende oogen naar den heerlijk schoonen hemel geslagen,
-lag Judy te sterven. Zij was nu zeer rustig, hoewel zij druk gesproken
-had--gesproken over allerlei. Zij zeide hun, dat zij volstrekt geene
-pijn had.
-
-"Maar ik zal sterven, als ik opgelicht word," zeide zij.
-
-Meg zat naast haar, neergehurkt op den grond. Zij had hare oogen
-niet van het gezichtje afgewend, dat daar lag op een kussen van
-regenmantels, zij had hare bleeke lippen geen enkele maal geopend om
-een woord te zeggen.
-
-Daarbuiten stonden onbeweeglijk de ossen en hunne gestalten teekenden
-zich tegen den hemel af.--Judy zeide, dat zij er uit zagen als
-opgezette dieren, die gephotografeerd moesten worden. Zij glimlachte
-daarbij even, maar Meg zeide: "O, doe dat niet!" en kromp ineen.
-
-Twee der mannen waren weggegaan, om hulp te zoeken, die zij toch niet
-zouden vinden; de anderen stonden op eenigen afstand, en praatten
-met gedempte stem tot elkander.
-
-Er was voor hen niets te doen. De bruine man had gesproken--iets wat
-zelden gebeurde.
-
-Hij had den Generaal in slaap gesust, en hem op het leger gelegd en
-de blauwe deken om hem heen geslagen. En toen had hij warme, sterke
-thee gezet, en had met tranen in zijne oogen de kinderen gevraagd,
-daarvan te drinken, maar geen enkele wilde dit doen.
-
-Baby was op den grond in slaap gevallen, hare armen stijf om Judy's
-rijglaars geslagen.
-
-Bunby stond, met eene uitdrukking van ontzetting op zijn bleek
-gelaat, achter de draagbaar. Zijne oogen waren op het haar van zijn
-zusje gevestigd, maar hij durfde niet naar haar gezicht kijken, uit
-angst voor wat hij daar zou zien. Nellie was geen oogenblik kalm,
-nu eens liep zij naar de haag en keek den weg af, waarover reeds de
-schaduwen van den avond zweefden, dan wierp zij zich achter de hut
-met het gelaat op den grond en riep: "Maak haar beter, God! God,
-maak haar beter, maak haar beter! O! kunt ge haar niet beter maken?"
-
-De schaduwen rondom de kleine woning namen diepere tinten aan,
-de omtrekken der buffels waren niet meer zichtbaar, slechts eene
-onduidelijke zwarte massa lag daar tusschen de hut en den hemel. Achter
-de boomen verglom het vurige schijnsel; hier en daar waren nog gele,
-lichtende vlammen, maar de gloeiende zonneschijf was weggedoken,
-en de purperen, luchtige sluier zonk in het niet.
-
-De kreet van een pluvier verbrak de stilte, wild, klagend, snijdend
-was het geluid. Meg huiverde en ging rechtop zitten. Judy's voorhoofd
-werd vochtig, zij sperde de oogen wijd open, hare lippen beefden.
-
-"Meg!" zeide zij met eene fluisterende stem, die de lucht doorkliefde;
-"o, Meg, ik ben zoo bang! Meg, ik ben zoo bang!"
-
-"God!" zeide Megs hart.
-
-"Meg, zeg iets. Meg, help mij! Wat wordt het al donker, Meg; Meg,
-ik kan niet sterven! O, waarom komen zij nog niet?"
-
-Nellie vloog weer naar de haag, om daarop te fluisteren:
-
-"Maak haar beter, God--o, ik smeek u, God!"
-
-"Meg, ik kan niets bedenken om te zeggen. Kan jij niet iets zeggen,
-Meg? Zijn er geen gebeden voor de stervenden in het gebedenboek?--Ik
-ben het vergeten. Spreek toch, Meg!"
-
-Meg's lippen bewogen, maar het was haar niet mogelijk een woord
-te uiten.
-
-"Meg, ik ben zoo bang! Ik kan aan niets anders denken, dan aan "wat
-wij eenmaal zullen ontvangen", en dat is vergiffenis, nietwaar? En in
-het Onze Vader komt ook niets voor, dat mij kan helpen. Meg, ik wilde,
-dat wij naar de Zondagsschool gegaan waren en daar van allerlei geleerd
-hadden. Wat wordt het al donker, Meg! O, Meg, houd mijne handen vast!"
-
-"In den hemel zal het--niet--donker zijn!" spraken Megs lippen.
-
-Zelfs wanneer zij iets zeggen kon, was het niets dan een gestamelden,
-vroeger gehoorden zin, dien zij murmelde.
-
-"Als er alles van goud en edelgesteenten is, dan wil ik er liever niet
-heen!" Het kind begon nu te schreien. "O, Meg, ik wil liever blijven
-leven! Hoe zou jij het vinden, Meg, om te sterven, als je nog maar
-dertien jaar bent? Hoe eenzaam zal ik zijn zonder jelui allen. O,
-Meg! o, Pip, Pip! o, Baby! Nell!"
-
-De tranen stroomden over hare wangen, hare borst hijgde.
-
-"O, zeg iets, Meg!--zeg een gezang op!--spreek toch!" De halve
-inhoud van het boek der "Oude en Nieuwe gezangen" dwarrelde door
-Megs gedachten. Welk kon zij uitkiezen, dat rust zou brengen in die
-koortsachtige oogen, die met zulk een angstigen smeekenden blik op
-haar gelaat gevestigd waren?
-
-Toen opende zij de lippen:
-
-
- ""Kom slechts tot Mij, gij moeden,
- Dan geef 'k u zoete rust
- O, gij--""
-
-
-"Ik ben niet moede, ik verlang niet naar rust!" zeide Judy, op
-jammerenden toon.
-
-En Meg begon weer:
-
-
- ""Mijn God, mijn Vader, als ik dwaal,
- Ver weg, langs 's levens doornig pad
- Leer mij dan de gelaten taal:
- Uw wil geschiede!""
-
-
-"Dat is voor oude menschen," zeide de matte, zangerige stem. "Hij
-kan niet verwachten, dat ik dit zal zeggen!"
-
-Toen herinnerde Meg zich het schoonste van alle gezangen, en zeide
-het eerste en het laatste couplet zonder een oogenblik te haperen, op:
-
-
- ""Verlaat mij niet, snel valt de avondstonde,
- De duisternis groeit aan; o Heer, verlaat mij niet.
- Als andre hulp ontbreekt, en alle bijstand vliedt,
- Helper der hulploozen, mijn God, verlaat mij niet!
-
- Houd Gij Uw kruisbeeld voor mijn brekend oog,
- Schijn door de duisternis, en richt mijn oog ten hemel!
- De dageraad breekt aan, en 't ijdele aardrijk vliedt
- In leven en in dood, o Heer, verlaat mij niet!"
-
-
-"O, en Judy, liefste, wij vergeten, dat moeder in den hemel is,
-Judy je zult niet alleen zijn! Herinner je je moeders oogen niet,
-mijn kleine Judy?"
-
-Judy werd kalm, en steeds kalmer. Zij sloot de oogen, zoodat zij de
-toenemende duisternis niet bespeuren kon.
-
-Megs armen waren om haar heen geslagen, Megs wang was tegen haar
-voorhoofd gevlijd, Nell hield hare handen vast, Baby hare voeten,
-Bunby's lippen waren op hare lokken. Zoo gingen zij met haar recht
-op de Groote Vallei af, waar zelfs geen licht is voor aarzelende
-kindervoeten.
-
-De schaduwen waren koud, en legden zich kil om hunne harten; zij konden
-den wind van de onbekende wateren op hunne voorhoofden voelen; maar
-alleen zij, die op het punt stond naar genen oever over te steken,
-hoorde het zachte geklots der golven.
-
-Juist toen het water hare voeten bespoelde vertoonde zich eene gestalte
-in de deur.
-
-"Judy!" riep eene smartelijke stem, en Pip duwde hen op zijde en viel
-naast haar neer.
-
-"Judy, Judy, Judy!"
-
-Het licht flikkerde nog eens op in hare oogen. Zij kuste hem eenmaal,
-tweemaal met hare bleeke lippen; zij gaf hem hare beide handen,
-en haar laatsten glimlach.
-
-Toen streek de wind over hen allen, en, met eene plotselinge rilling,
-ging zij heen.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-HOOFDSTUK XXII.
-
-HET LAATSTE HOOFDSTUK.
-
-
- "Zij scheen voor 't verdergaan des tijds
- Een wezen, niet bestand."
-
- "Zij heeft nu geen gevoel, geen kracht,
- Zij hoort, noch ziet nu meer;
- Maar wordt nu door de aardsche kracht
- Al draaiende in 't rond gebracht
- Met boom en rots en steen."
-
-
-Zij gingen weer naar huis, zes kinderen, en Esther, die voortaan
-ernstiger zou zijn, daar zij den prijs, die voor het leven van haar
-kleinen, aangebeden zoon betaald was, nimmer zou kunnen vergeten. De
-lucht van Yarrahappini scheen als een zware last op hen te drukken.
-
-Toen dus de kapitein, die ijlings uit Sydney vertrokken was om zijn
-arm klein meisje nog voor het laatst te zien, vraagde of zij liever
-naar huis zouden willen gaan, antwoordden zij allen: "Ja!"
-
-Er was een groen grasveld op den top van een heuvel achter het
-woonhuis, en een groep acacia's, nu donkergroen, maar teeder getint
-en bevallig in het voorjaar.
-
-Daar legden zij kleine Judy neer. Om het grasperk liet Mr. Hassal
-hooge, witte palen zetten; het grafje bevond zich aan den kant
-der boomen.
-
-De plek geleek op een klein kerkhof in een kinderland, waar er maar
-één gestorven was.
-
-Of op een mooi groen veld, met een klein bed.
-
-Meg was verheugd, dat de verhevenheid naar het oosten gekeerd was;
-de zon zonk achter haar weg--zoolang zij leefde kon zij niet meer naar
-de oranje en gele en purperen tinten zien, die bij zonsondergang den
-hemel kunnen kleuren. Maar ver in het oosten steeg de zon in stille
-majesteit op, en het licht kwam langzaam naar den heuveltop in teeder
-rose en trillend blauw en lichtend grijs, maar nooit in harde, gele
-vlammen, die heete tranen in de oogen doen springen.
-
-Toen zij Judy's rustplaats op den laatsten dag vaarwel zeiden, werd
-deze kalm en liefelijk door den maan beschenen.
-
-Allen plukten eenige halmpjes van de versche zoden, en gingen toen
-heen. Niemand schreide, de kalme witheid der maan, de bleeke,
-stralende sterren, de matte wind, die door de takken ruischte,
-hielden hunne tranen terug tot zij het hek achter zich gesloten en
-haar op den stillen heuveltop alleen gelaten hadden.
-
-Zij gingen terug naar Misrule, een ieder om den levensdraad weer
-op te nemen, en het weefsel voort te zetten, waaraan, God zij dank,
-moet worden gewerkt, want anders zouden dagelijks de harten breken.
-
-Meg was ouder geworden; zij zou nooit meer zóó jong zijn als zij was,
-voor die roode zonsondergang zijn beeld in haar hart grifde.
-
-In hare oogen was een dieper licht gekomen; zulke tranen, als zij
-geweend had, verhelderen het oog, tot het leven eene duidelijker,
-meer omvattende beteekenis krijgt.
-
-Nellie en zij gingen den eersten Zondag na hunne terugkomst naar de
-kerk. Aldith zat een paar banken verder, wuft als altijd, gekleed in
-een kleurig toiletje, en coquet glimlachend naar de bank der Courtney's
-kijkend, en naar de Graham's, die vlak achter dezen zaten.
-
-Wat was Meg van haar vervreemd! Het scheen jaren geleden, dat zij al
-hare aandacht aan den laatsten smaak voor hoeden gewijd had, aan den
-snit van eene robe cloche en de beste methode om de handen blank te
-maken. Jaren geleden, dat zij schuchtere pogingen had gedaan om zich
-met flirten te vermaken. Jaren geleden, bijna, dat zij op Yarrahappini
-het blauwe lint gegeven had, dat een grooteren invloed had dan zij
-ooit vermoedde.
-
-Alan keek naar haar van uit zijne bank--naar de kleine gestalte
-in het treurige zwart der rouw, naar de vlecht, die het glanzende
-haar samenvatte, maar welker eind niet meer gekruld was, naar den
-zwaarmoedigen trek om de jonge lippen, den ernst der blauwe oogen. Hij
-kon het zich bijna niet voorstellen, dat dit hetzelfde onnadenkende
-meisje was, die den brief geschreven had, en door de duisternis
-was komen sluipen om zijn weinig galanten jongeren broeder te
-ontmoeten. Hij nam hare hand in de zijne, toen de kerk uit was; zijne
-grijze oogen, die plotseling vochtig werden, vulden door hun warmen
-blik de enkele woorden van deelneming aan, die hij stamelend uitsprak.
-
-"Laten wij altijd vrienden blijven, Miss Meg!" zeide hij, toen zij
-bij het hek van Misrule afscheid namen.
-
-"Gaarne!" antwoordde Meg.
-
-En deze hartelijke, oprechte vriendschap werd van schoone beteekenis
-in hun beider leven, zij steunde Meg en maakte den jongen man zachter.
-
-Pip werd weer vroolijk en opgeruimd als vroeger, zooals het ook den
-jongen met het gevoeligste hart gaan zal, dank zij zijne jeugd; maar
-somtijds kreeg hij plotseling een aanval van zwaarmoedigheid, en dan
-verdween hij, er zich niet om bekommerende, of een spel cricket of
-voetbal in vollen gang was, of wel hij stond van tafel op, als het
-rumoer het hevigst was.
-
-Bunby vertoonde aan de wereld een even morsig gezicht als vroeger,
-en handen die zelfs nog smeriger waren, want in hem had zich in den
-laatsten tijd eene neiging tot het machinevak geopenbaard, en in zijn
-vrijen tijd maakte hij drukpersen--of wat daarvoor moest doorgaan--en
-vreeswekkende en wonderbaarlijke machines, van een oude kachel en
-eenige potten en roestige pannen, die hij voor het lot weggeworpen
-te worden, gered had.
-
-Maar hij vertelde nu niet meer zooveel leugentjes, de ondergaande
-zon had zelfs in zijn jong hart een straal geworpen, en wanneer hij
-op het punt was te zeggen: "Ik niet, ik ben het niet geweest, het
-was niet mijne schuld!" dan verrees een rijkdom van donkere krullen
-voor zijn oog, juist zooals hij ze dien avond had uitgespreid gezien,
-toen hij zijne blikken er niet van af had durven wenden.
-
-Hare beenen waren op het oogenblik een der hoofdonderwerpen van Baby's
-gedachten, want zij was juist van korte kousjes tot lange gepromoveerd,
-en allen, die zich deze gebeurtenis in hun eigen leven herinneren,
-zullen begrijpen hoe gewichtig zij voor haar was.
-
-Nell scheen iederen dag mooier te worden. Pip had de handen vol
-met zijne pogingen om haar voor inbeelding te behoeden; wanneer
-broederlijke op- en aanmerkingen iets kunnen baten, dan moet zij wel
-altijd even nederig van zich zelf gedacht hebben, als wanneer zij
-vuurrood haar en een hemelwaarts strevenden neus gehad had.
-
-Esther zeide, dat zij wenschte ergens een paar jaren te kunnen koopen,
-een ernstig uiterlijk en groote hoeveelheden waardigheid--dan zou er
-eenige kans zijn, dat Misrule eindelijk bij zijn deftigen doopnaam
-"Rivierzicht" genoemd werd.
-
-Maar vreemd genoeg scheen niemand met dien wensch in te stemmen.
-
-De kapitein rookte nooit meer zijn sigaar in de veranda op zijde van
-het huis; het slecht onderhouden grasveld deed hem altijd denken aan
-eene kleine gestalte in een rose japonnetje met een gedeukten hoed,
-die in het blakerende zonlicht stond te maaien. Judy's dood deed hem
-zijne zes overblijvende kinderen dierbaarder zijn dan ooit, maar hun
-zijne genegenheid op hartelijker wijze toonen dan vroeger--daartoe
-kon hij toch niet komen.
-
-De Generaal werd iederen dag aardiger en liever. Het is geene
-overdrijving, wanneer ik zeg, dat zij allen dit kleine wezentje in
-zijne koninklijke jonkheid aanbaden, want het leven was hem tweemaal
-geschonken geworden, en de tweede maal was het Judy's gave, en daarom
-onschatbaar.
-
-Mijne pen heeft zich moeielijk en langzaam bewogen onder het schrijven
-van deze twee laatste hoofdstukken; zij weigert licht en vrij over
-het papier te glijden, en dus zal ik haar, uit vrees u anders treurig
-te stemmen, ter zijde leggen.
-
-Een ander maal, als dit u welkom zou zijn, zal ik u gaarne van
-mijne kleine Australiërs verder vertellen, een gering aantal jaren
-overspringend.
-
-Tot dien tijd, vaarwel en tot weerziens!
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-AANTEEKENING
-
-
-[1] Naam van de vrouw van Punch (Jan Klaassen).
-
-
-
-
-
-
-End of Project Gutenberg's Zeven kleine Australiërs, by Ethel Turner
-
-*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ZEVEN KLEINE AUSTRALIËRS ***
-
-***** This file should be named 55794-8.txt or 55794-8.zip *****
-This and all associated files of various formats will be found in:
- http://www.gutenberg.org/5/5/7/9/55794/
-
-Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
-Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ for Project
-Gutenberg.
-
-Updated editions will replace the previous one--the old editions will
-be renamed.
-
-Creating the works from print editions not protected by U.S. copyright
-law means that no one owns a United States copyright in these works,
-so the Foundation (and you!) can copy and distribute it in the United
-States without permission and without paying copyright
-royalties. Special rules, set forth in the General Terms of Use part
-of this license, apply to copying and distributing Project
-Gutenberg-tm electronic works to protect the PROJECT GUTENBERG-tm
-concept and trademark. Project Gutenberg is a registered trademark,
-and may not be used if you charge for the eBooks, unless you receive
-specific permission. If you do not charge anything for copies of this
-eBook, complying with the rules is very easy. You may use this eBook
-for nearly any purpose such as creation of derivative works, reports,
-performances and research. They may be modified and printed and given
-away--you may do practically ANYTHING in the United States with eBooks
-not protected by U.S. copyright law. Redistribution is subject to the
-trademark license, especially commercial redistribution.
-
-START: FULL LICENSE
-
-THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
-PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
-
-To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
-distribution of electronic works, by using or distributing this work
-(or any other work associated in any way with the phrase "Project
-Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full
-Project Gutenberg-tm License available with this file or online at
-www.gutenberg.org/license.
-
-Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project
-Gutenberg-tm electronic works
-
-1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
-electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
-and accept all the terms of this license and intellectual property
-(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
-the terms of this agreement, you must cease using and return or
-destroy all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your
-possession. If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a
-Project Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound
-by the terms of this agreement, you may obtain a refund from the
-person or entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph
-1.E.8.
-
-1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
-used on or associated in any way with an electronic work by people who
-agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
-things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
-even without complying with the full terms of this agreement. See
-paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
-Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this
-agreement and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm
-electronic works. See paragraph 1.E below.
-
-1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the
-Foundation" or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection
-of Project Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual
-works in the collection are in the public domain in the United
-States. If an individual work is unprotected by copyright law in the
-United States and you are located in the United States, we do not
-claim a right to prevent you from copying, distributing, performing,
-displaying or creating derivative works based on the work as long as
-all references to Project Gutenberg are removed. Of course, we hope
-that you will support the Project Gutenberg-tm mission of promoting
-free access to electronic works by freely sharing Project Gutenberg-tm
-works in compliance with the terms of this agreement for keeping the
-Project Gutenberg-tm name associated with the work. You can easily
-comply with the terms of this agreement by keeping this work in the
-same format with its attached full Project Gutenberg-tm License when
-you share it without charge with others.
-
-1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
-what you can do with this work. Copyright laws in most countries are
-in a constant state of change. If you are outside the United States,
-check the laws of your country in addition to the terms of this
-agreement before downloading, copying, displaying, performing,
-distributing or creating derivative works based on this work or any
-other Project Gutenberg-tm work. The Foundation makes no
-representations concerning the copyright status of any work in any
-country outside the United States.
-
-1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
-
-1.E.1. The following sentence, with active links to, or other
-immediate access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear
-prominently whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work
-on which the phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the
-phrase "Project Gutenberg" is associated) is accessed, displayed,
-performed, viewed, copied or distributed:
-
- This eBook is for the use of anyone anywhere in the United States and
- most other parts of the world at no cost and with almost no
- restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it
- under the terms of the Project Gutenberg License included with this
- eBook or online at www.gutenberg.org. If you are not located in the
- United States, you'll have to check the laws of the country where you
- are located before using this ebook.
-
-1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is
-derived from texts not protected by U.S. copyright law (does not
-contain a notice indicating that it is posted with permission of the
-copyright holder), the work can be copied and distributed to anyone in
-the United States without paying any fees or charges. If you are
-redistributing or providing access to a work with the phrase "Project
-Gutenberg" associated with or appearing on the work, you must comply
-either with the requirements of paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 or
-obtain permission for the use of the work and the Project Gutenberg-tm
-trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
-with the permission of the copyright holder, your use and distribution
-must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any
-additional terms imposed by the copyright holder. Additional terms
-will be linked to the Project Gutenberg-tm License for all works
-posted with the permission of the copyright holder found at the
-beginning of this work.
-
-1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
-License terms from this work, or any files containing a part of this
-work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
-
-1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
-electronic work, or any part of this electronic work, without
-prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
-active links or immediate access to the full terms of the Project
-Gutenberg-tm License.
-
-1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
-compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including
-any word processing or hypertext form. However, if you provide access
-to or distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format
-other than "Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official
-version posted on the official Project Gutenberg-tm web site
-(www.gutenberg.org), you must, at no additional cost, fee or expense
-to the user, provide a copy, a means of exporting a copy, or a means
-of obtaining a copy upon request, of the work in its original "Plain
-Vanilla ASCII" or other form. Any alternate format must include the
-full Project Gutenberg-tm License as specified in paragraph 1.E.1.
-
-1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
-performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
-unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
-
-1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
-access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works
-provided that
-
-* You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
- the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
- you already use to calculate your applicable taxes. The fee is owed
- to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he has
- agreed to donate royalties under this paragraph to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments must be paid
- within 60 days following each date on which you prepare (or are
- legally required to prepare) your periodic tax returns. Royalty
- payments should be clearly marked as such and sent to the Project
- Gutenberg Literary Archive Foundation at the address specified in
- Section 4, "Information about donations to the Project Gutenberg
- Literary Archive Foundation."
-
-* You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
- you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
- does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
- License. You must require such a user to return or destroy all
- copies of the works possessed in a physical medium and discontinue
- all use of and all access to other copies of Project Gutenberg-tm
- works.
-
-* You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of
- any money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
- electronic work is discovered and reported to you within 90 days of
- receipt of the work.
-
-* You comply with all other terms of this agreement for free
- distribution of Project Gutenberg-tm works.
-
-1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project
-Gutenberg-tm electronic work or group of works on different terms than
-are set forth in this agreement, you must obtain permission in writing
-from both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and The
-Project Gutenberg Trademark LLC, the owner of the Project Gutenberg-tm
-trademark. Contact the Foundation as set forth in Section 3 below.
-
-1.F.
-
-1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
-effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
-works not protected by U.S. copyright law in creating the Project
-Gutenberg-tm collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm
-electronic works, and the medium on which they may be stored, may
-contain "Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate
-or corrupt data, transcription errors, a copyright or other
-intellectual property infringement, a defective or damaged disk or
-other medium, a computer virus, or computer codes that damage or
-cannot be read by your equipment.
-
-1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
-of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
-Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
-Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
-liability to you for damages, costs and expenses, including legal
-fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
-LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
-PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
-TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
-LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
-INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
-DAMAGE.
-
-1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
-defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
-receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
-written explanation to the person you received the work from. If you
-received the work on a physical medium, you must return the medium
-with your written explanation. The person or entity that provided you
-with the defective work may elect to provide a replacement copy in
-lieu of a refund. If you received the work electronically, the person
-or entity providing it to you may choose to give you a second
-opportunity to receive the work electronically in lieu of a refund. If
-the second copy is also defective, you may demand a refund in writing
-without further opportunities to fix the problem.
-
-1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
-in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO
-OTHER WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT
-LIMITED TO WARRANTIES OF MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
-
-1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
-warranties or the exclusion or limitation of certain types of
-damages. If any disclaimer or limitation set forth in this agreement
-violates the law of the state applicable to this agreement, the
-agreement shall be interpreted to make the maximum disclaimer or
-limitation permitted by the applicable state law. The invalidity or
-unenforceability of any provision of this agreement shall not void the
-remaining provisions.
-
-1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
-trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
-providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in
-accordance with this agreement, and any volunteers associated with the
-production, promotion and distribution of Project Gutenberg-tm
-electronic works, harmless from all liability, costs and expenses,
-including legal fees, that arise directly or indirectly from any of
-the following which you do or cause to occur: (a) distribution of this
-or any Project Gutenberg-tm work, (b) alteration, modification, or
-additions or deletions to any Project Gutenberg-tm work, and (c) any
-Defect you cause.
-
-Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
-
-Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
-electronic works in formats readable by the widest variety of
-computers including obsolete, old, middle-aged and new computers. It
-exists because of the efforts of hundreds of volunteers and donations
-from people in all walks of life.
-
-Volunteers and financial support to provide volunteers with the
-assistance they need are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
-goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
-remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
-Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
-and permanent future for Project Gutenberg-tm and future
-generations. To learn more about the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation and how your efforts and donations can help, see
-Sections 3 and 4 and the Foundation information page at
-www.gutenberg.org
-
-
-
-Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
-
-The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
-501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
-state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
-Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
-number is 64-6221541. Contributions to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation are tax deductible to the full extent permitted by
-U.S. federal laws and your state's laws.
-
-The Foundation's principal office is in Fairbanks, Alaska, with the
-mailing address: PO Box 750175, Fairbanks, AK 99775, but its
-volunteers and employees are scattered throughout numerous
-locations. Its business office is located at 809 North 1500 West, Salt
-Lake City, UT 84116, (801) 596-1887. Email contact links and up to
-date contact information can be found at the Foundation's web site and
-official page at www.gutenberg.org/contact
-
-For additional contact information:
-
- Dr. Gregory B. Newby
- Chief Executive and Director
- gbnewby@pglaf.org
-
-Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
-Literary Archive Foundation
-
-Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
-spread public support and donations to carry out its mission of
-increasing the number of public domain and licensed works that can be
-freely distributed in machine readable form accessible by the widest
-array of equipment including outdated equipment. Many small donations
-($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
-status with the IRS.
-
-The Foundation is committed to complying with the laws regulating
-charities and charitable donations in all 50 states of the United
-States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
-considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
-with these requirements. We do not solicit donations in locations
-where we have not received written confirmation of compliance. To SEND
-DONATIONS or determine the status of compliance for any particular
-state visit www.gutenberg.org/donate
-
-While we cannot and do not solicit contributions from states where we
-have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
-against accepting unsolicited donations from donors in such states who
-approach us with offers to donate.
-
-International donations are gratefully accepted, but we cannot make
-any statements concerning tax treatment of donations received from
-outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
-
-Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
-methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
-ways including checks, online payments and credit card donations. To
-donate, please visit: www.gutenberg.org/donate
-
-Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic works.
-
-Professor Michael S. Hart was the originator of the Project
-Gutenberg-tm concept of a library of electronic works that could be
-freely shared with anyone. For forty years, he produced and
-distributed Project Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of
-volunteer support.
-
-Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
-editions, all of which are confirmed as not protected by copyright in
-the U.S. unless a copyright notice is included. Thus, we do not
-necessarily keep eBooks in compliance with any particular paper
-edition.
-
-Most people start at our Web site which has the main PG search
-facility: www.gutenberg.org
-
-This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
-including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
-Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
-subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
-
diff --git a/old/old/55794-8.zip b/old/old/55794-8.zip
deleted file mode 100644
index 6b6b49b..0000000
--- a/old/old/55794-8.zip
+++ /dev/null
Binary files differ