diff options
| author | nfenwick <nfenwick@pglaf.org> | 2025-03-08 23:22:16 -0800 |
|---|---|---|
| committer | nfenwick <nfenwick@pglaf.org> | 2025-03-08 23:22:16 -0800 |
| commit | f6d9f31c36ac9197b10e5e3e497e18053fca16ca (patch) | |
| tree | 85fd1f4564c8ad61aecb8896f580c5097c22b66c | |
| parent | 4b66138de8eeb664e7f7d8cb7276dcfd2cd9888d (diff) | |
| -rw-r--r-- | 40351-0.txt (renamed from 40351-8.txt) | 1166 | ||||
| -rw-r--r-- | 40351-8.zip | bin | 77048 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 40351-h.zip | bin | 240712 -> 0 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 40351-h/40351-h.htm | 1166 |
4 files changed, 763 insertions, 1569 deletions
diff --git a/40351-8.txt b/40351-0.txt index dd8e45f..94ad78a 100644 --- a/40351-8.txt +++ b/40351-0.txt @@ -1,34 +1,4 @@ -Project Gutenberg's Algemeene Geschiedenis in Verhalen, by H. Solger - -This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with -almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or -re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included -with this eBook or online at www.gutenberg.org/license - - -Title: Algemeene Geschiedenis in Verhalen - Oudheid - -Author: H. Solger - -Release Date: July 27, 2012 [EBook #40351] - -Language: Dutch - -Character set encoding: ISO-8859-1 - -*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ALGEMEENE GESCHIEDENIS IN VERHALEN *** - - - - -Produced by Branko Collin, eagkw and the Online Distributed -Proofreading Team at http://www.pgdp.net - - - - - +*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 40351 *** ALGEMEENE Geschiedenis @@ -117,7 +87,7 @@ genooten, om aan zijne kudde veel plaats te verzekeren; de gezeten landman ziet gaarne, dat naast zijne woning nog andere bestaan. De akkerbouw bevorderde dus het vreedzame samenleven der menschen, en dit bracht de maatschappelijke ordeningen, +gemeenten+ en +stammen+, -+volken+ en +staten+ te voorschijn. Daarmeê ontstonden tevens rechters ++volken+ en +staten+ te voorschijn. Daarmeê ontstonden tevens rechters en aanvoerders, hoofdmannen en vorsten, die gewoonlijk allen gekozen werden. Bij verscheidene volken traden echter ook de sterksten op den voorgrond en verlangden de onderwerping der anderen. Dat waren de @@ -146,7 +116,7 @@ blijkt reeds daaruit, dat de volken, die aan de zee wonen, zich sneller ontwikkelen en eerder machtig worden dan de andere, die daarvan verwijderd zijn en geen zeehandel hebben. -Er ligt ten zuiden van ons werelddeel, midden tusschen Europa, Azië en +Er ligt ten zuiden van ons werelddeel, midden tusschen Europa, Azië en Afrika, eene groote zee, de Middellandsche genoemd. Aan de oevers van deze woonden de oudste en beschaafdste volkeren, die wij kennen. Wij beginnen met de Egyptenaren, wier berichten tot in de hoogste oudheid @@ -185,7 +155,7 @@ Egyptische koningen. De Egyptenaren besteedden in 't algemeen veel vlijt aan de graven en lijken. Om het bederf der dooden te verhinderen, overtrokken zij ze met een verhardende, doorzichtige stof, de aardhars +mum+, waarnaar men de -gebalsemde lijken +mumiën+ noemt. Deze zijn gedeeltelijk tot aan den +gebalsemde lijken +mumiën+ noemt. Deze zijn gedeeltelijk tot aan den huidigen dag in stand gebleven, zien er zwart uit en zijn zoo hard als steen. De rustplaatsen der ontslapenen werden in de westelijk gelegen rotsbodems uitgehouwen, waar zij door den buiten zijne oevers tredenden @@ -208,26 +178,26 @@ was met kunstige beelden getooid. 3. De schriftteekens, die zich op de gedenkteekenen der Egyptische bouwkunst bevinden, zijn van een geheel eigenaardige soort. Zij bestaan -namelijk uit beelden, die met groote netheid geteekend zijn en, òf het -voorwerp zelf voorstellen, òf, als dit niet mogelijk is, als b.v. bij +namelijk uit beelden, die met groote netheid geteekend zijn en, òf het +voorwerp zelf voorstellen, òf, als dit niet mogelijk is, als b.v. bij eigenschappen, bekende zinnebeelden geven, als de bij voor vlijt en dergelijke, of ook zekere klanken aanduiden. Deze teekeningen werden -+hieroglyphen+, d. i. heilig schrift, genoemd en lang als geheimenissen ++hieroglyphen+, d. i. heilig schrift, genoemd en lang als geheimenissen met verwondering beschouwd. Sedert men echter bevond, dat zich onder de schriftbeelden ook dezulke bevinden, die vaak wederkeeren, vermoedde men, dat de Egyptenaren dikwijls als wij, bepaalde klanken door bepaalde teekens uitdrukten. Op het eind der vorige eeuw nu deed men eene belangrijke ontdekking. Met Bonaparte, toen generaal der Fransche -republiek, vóórdat hij keizer werd, waren een aantal geleerden naar +republiek, vóórdat hij keizer werd, waren een aantal geleerden naar Egypte gegaan. In den Nijlmond bij Rosette vond men een steen met opschriften uit de oudheid. Hij vermeldde het besluit tot huldiging van -een vorst omtrent 2 eeuwen vóór onze jaartelling, in hieroglyphen, het +een vorst omtrent 2 eeuwen vóór onze jaartelling, in hieroglyphen, het toen nog raadselachtige heilige schrift der oude Egyptenaren, en in het -Grieksch, in de laatste eeuwen vóór Christus de algemeene taal in de +Grieksch, in de laatste eeuwen vóór Christus de algemeene taal in de oostelijke landen der Middellandsche zee. Er was bij vermeld, dat de -inhoud der verschillende opschriften gelijkluidend was. Maar hiermeê was +inhoud der verschillende opschriften gelijkluidend was. Maar hiermeê was de sleutel tot de hieroglyphen nog niet gevonden; dit is eerst veel -later (± 1821) gelukt aan Champollion, een Fransch geleerde. Na den +later (± 1821) gelukt aan Champollion, een Fransch geleerde. Na den dood van het overoude Egyptisch toch had er in het Nijldal eeuwen lang eene taal geleefd, die nu ook reeds dood, maar toch nog bekend was, het +Koptisch+. Men kwam op de gedachte der mogelijkheid, dat er @@ -245,12 +215,12 @@ meer vereenvoudigden. Als men zeer duidelijk zien wil, hoe nuttig +de uitvinding der klankteekens of letters+ is, behoeft men slechts aan de +Chineezen+ te -denken. Dit volk, dat naast de Egyptenaren en +Indiërs+ tot de oudste +denken. Dit volk, dat naast de Egyptenaren en +Indiërs+ tot de oudste volken der wereld behoort, heeft nog heden geen volledig stel van letters, maar voor elk woord eene afzonderlijke figuur. Daar heeft men nu veel duizenden schriftteekens te leeren, wat veel tijd en groote inspanning vereischt, terwijl wij slechts twee dozijn letters hebben -te leeren, waarmeê wij alle woorden lezen en schrijven kunnen. Het +te leeren, waarmeê wij alle woorden lezen en schrijven kunnen. Het letterschrift behoort tot de meest grootsche uitvindingen van den mensch. Het geeft gemakkelijkheid om het ervarene en gedachte vast te houden en uit te breiden; het behoedt de gebeurtenissen voor @@ -268,9 +238,9 @@ de grootste beteekenis was. 4. De Egyptenaren waren in standen verdeeld, die men gewoonlijk +kasten+ -noemt. Er waren er vier à zeven. De geëerdste kaste was die der +noemt. Er waren er vier à zeven. De geëerdste kaste was die der +priesters+. Zij waren opvoeders en raden der koningen, die men hier -+pharao's+, d. i. verhevenen, noemde; zij richtten het volk naar eigene ++pharao's+, d. i. verhevenen, noemde; zij richtten het volk naar eigene wetten; zij namen den loop der sterren waar en regelden den kalender; zij waren de eenige geleerden in het land. Naast de priesters waren de krijgslieden de +aanzienlijkste+ kaste. Dezen vormden geen heir @@ -322,24 +292,24 @@ gediend hebben om bij de overstroomingen van den Nijl het overtollige water op te nemen en in drooge tijden dit door kanalen te rechter plaatse te brengen. -Nadat volgens de opgaven reeds verscheidene dynastieën gedurende een +Nadat volgens de opgaven reeds verscheidene dynastieën gedurende een aantal eeuwen over het land geregeerd hadden, kwam uit het noordoosten een herdersvolk, Hyksos genaamd, veroverde het grootste gedeelte van Egypte (noord en midden) en werd eerst na vijf eeuwen weer verdrongen. Daarop verhief zich het land tot eene groote macht. De vorsten breidden -hunne heerschappij uit over omliggende landen, zoowel in Azië als in +hunne heerschappij uit over omliggende landen, zoowel in Azië als in Afrika. Van de toenmalige koningen wordt vooral Ramses II of Sesostris genoemd; hij deed krijgstochten naar verre landen en bracht grooten buit huiswaarts. Na hem schijnt Egypte's macht gedaald, en het land tot zijne natuurlijke grenzen beperkt te zijn. Toen, ongeveer zes eeuwen later, de -+Ethiopiërs+ van uit het zuiden binnengedrongen waren, en het boven- en ++Ethiopiërs+ van uit het zuiden binnengedrongen waren, en het boven- en middendeel van 't land vermeesterd hadden, verhieven zich de Egyptenaren op nieuw tot omverwerping der vreemde heerschappij. Deze werd verdreven en het land daarop door 12 personen geregeerd (dodekarchie), onder welken Psammetichus op den voorgrond trad. Zoo ontstond er nijd en twist. Toen echter Psammetichus door gelande Grieken ondersteund werd, verdreef hij alle medebestuurders en werd alleenbeheerscher van Egypte, -± 650 vóór Christus. Sedert kreeg het land een nieuw leven. Er ontstond +± 650 vóór Christus. Sedert kreeg het land een nieuw leven. Er ontstond een levendig verkeer met de omliggende volken, vooral met de Grieken. Ten gevolge daarvan werd zelfs eene nieuwe kaste gevormd, die der +tolken+. De zoon van Psammetichus, Necho, heerschte eveneens machtig en @@ -348,14 +318,14 @@ Middellandsche en de Roode zee een kanaal aan te leggen. Ook wekte hij zeevaarders op, het werelddeel Afrika om te zeilen. Toen hij echter op veroveringen uitging, geraakte hij in ongeluk en geheel Egypte met hem. Hij werd door +Nebukadnezar+, den krijgshaftigen koning van Babylon, -overwonnen bij Circesium, 605 v. Chr., en reeds ¾ eeuw later verloor +overwonnen bij Circesium, 605 v. Chr., en reeds ¾ eeuw later verloor Egypte zijne onafhankelijkheid. De voorlaatste koning +Amasis+ kwam in -oorlog met Cambyses van Perzië (zie blz. 19), en was nauwelijks +oorlog met Cambyses van Perzië (zie blz. 19), en was nauwelijks opgevolgd door zijn zoon, of deze werd in 525 v. Chr. bij Pelusium geslagen, waarop het geheele Egyptische land eene Perzische provincie werd. Herhaaldelijk deed het pogingen om zich te bevrijden, eenmaal met tijdelijk goed gevolg, en verwisselde in 332 v. Chr. de Perzische -opperheerschappij met die van Alexander den Grooten van Macedonië +opperheerschappij met die van Alexander den Grooten van Macedonië (Hoofdstuk 14). Had zoo het land der pyramiden veel te lijden, het behield een onvermengd volk en handhaafde de aloude instellingen. @@ -366,45 +336,45 @@ behield een onvermengd volk en handhaafde de aloude instellingen. 1. De Perzen stonden in overouden tijd onder de heerschappij der Meden, -en ook dezen waren eens, gelijk ook de Babyloniërs, onderdanen van -+Assyrië+. Deze Semietische staat toch had sedert ± 1300 v. Chr. +en ook dezen waren eens, gelijk ook de Babyloniërs, onderdanen van ++Assyrië+. Deze Semietische staat toch had sedert ± 1300 v. Chr. verschillende omliggende landen onderworpen en eeuwen lang beheerscht. De hoofdstad Nineveh was een toonbeeld van pracht en rijkdom. Zij lag aan den Tigris of Tiger, had 12 mijlen in omvang, en werd omringd door muren met 1500 torens. Naar den naam dier stad heeft men zich een stichter gedacht, Ninus, gelijk er ook een Assur als grondlegger van den -staat verdicht is. Maar terwijl de een Ninus 9 à 10 eeuwen later plaatst +staat verdicht is. Maar terwijl de een Ninus 9 à 10 eeuwen later plaatst dan de ander, is er geen historisch bewijs voor zijn bestaan. De legende kende hem eene echtgenoote toe, Semiramis, eerst gehuwd met een' zijner generaals, nog vroeger slavin, later heerscheres door schoonheid en geest over vorst en staat. Aan haar werden al de bovengenoemde -veroveringen van Armenië, Bactrië, Mesopotamië, enz. enz. toegedicht, +veroveringen van Armenië, Bactrië, Mesopotamië, enz. enz. toegedicht, even als de hangende tuinen van Babylon. Van deze is echter de historische oorsprong anders, zooals wij beneden zullen zien. Maar hoe -mythisch deze tijd ook is, d. w. z. hoezeer waarheid en verdichting +mythisch deze tijd ook is, d. w. z. hoezeer waarheid en verdichting vermengd zijn en ofschoon het onmogelijk is deze van elkander te -onderscheiden, daarmeê is de machtsuitbreiding en eeuwen lange -heerschappij van Assyrië over allerlei aangrenzende en meer verwijderde +onderscheiden, daarmeê is de machtsuitbreiding en eeuwen lange +heerschappij van Assyrië over allerlei aangrenzende en meer verwijderde volken niet geloochend. Eene reeks van vorsten uit verschillende -dynastieën worden ons genoemd, o. a. +Salmanassar+, die ± 725 v. Chr. -Israël, het rijk der 10 stammen (blz. 21), en Phoenicië onderwierp. Toen +dynastieën worden ons genoemd, o. a. +Salmanassar+, die ± 725 v. Chr. +Israël, het rijk der 10 stammen (blz. 21), en Phoenicië onderwierp. Toen echter zijn opvolger Sanherib een ongelukkigen veldtocht naar Egypte ondernomen en ook bij de belegering van Jeruzalem een groot leger verloren had, maakten zich achtereenvolgens verschillende onderworpene -landen vrij. Zoo zien wij in het Arische +Medië+ 712 à 710 v. Chr. een +landen vrij. Zoo zien wij in het Arische +Medië+ 712 à 710 v. Chr. een koning Dejoces aan 't bewind, en in deze schoone bergstreek de sterke hoofdstad Ecbatana gesticht. Zijn opvolger Phraortes onderwierp 640 v. -Chr. de stamverwante Perzen. En, even als Medië, werd ook +Babylonië+ -vrij van Assyrië, volgens de overlevering, doordien de stadhouder +Chr. de stamverwante Perzen. En, even als Medië, werd ook +Babylonië+ +vrij van Assyrië, volgens de overlevering, doordien de stadhouder Nabopolassar zich onafhankelijk maakte. Nu was dus het groote Assyrische rijk opgelost niet alleen, maar zelfs bestemd om op zijn beurt de buit der vroeger onderworpene landen te worden. Nabopolassars -zoon en mederegent toch, +Nebukadnezar+ van Babylonië, en de derde -koning van Medië, +Cyaxares+, verbonden zich tegen Niniveh, namen en +zoon en mederegent toch, +Nebukadnezar+ van Babylonië, en de derde +koning van Medië, +Cyaxares+, verbonden zich tegen Niniveh, namen en verwoestten die beroemde hoofdstad, waarvan eerst sedert 35 jaren overblijfselen zijn gevonden, en verdeelden het Assyrische rijk, zoodat -de Tiger de grens werd. De oostelijke of linkeroever kwam bij Medië, de -andere, dus ook de Israëlieten, bij Babylonië. De laatstgenoemde vorst +de Tiger de grens werd. De oostelijke of linkeroever kwam bij Medië, de +andere, dus ook de Israëlieten, bij Babylonië. De laatstgenoemde vorst hiervan veroverde ook Juda, het rijk der twee stammen. Maar onder zijne opvolgers ging ook zijn rijk ten gronde, zooals straks blijken zal. @@ -420,16 +390,16 @@ Perzen, bevrijdde van de Meden en Astyages onttroonde, 558. Het lag niet in zijn plan alleen den Perzen de vrijheid te hergeven en de Meden zelfstandig te laten bestaan. Neen, de vroegere heerschers moesten op hunne beurt gehoorzamen, de Perzen het hoofdvolk, hij machtiger monarch -dan iemand vóór hem worden. Na zich van de heerschappij en van de +dan iemand vóór hem worden. Na zich van de heerschappij en van de Medische onderwerping verzekerd te hebben, besteedde hij eenige jaren aan de ten onder brenging van een aantal oostwaarts gelegen landen, -Parthië, Bactrië, Sogdiana, enz. enz. zoodat zijn scepter tot aan den +Parthië, Bactrië, Sogdiana, enz. enz. zoodat zijn scepter tot aan den Indus reikte. Daarna onderwierp hij aan de westzijde de Armenische -landen tot aan den Kaukasus en den Halys (midden in Klein-Azië, aan de +landen tot aan den Kaukasus en den Halys (midden in Klein-Azië, aan de noordzijde). Aan de overzijde van deze rivier lag het +Lydische+ rijk, -voortgekomen uit een gedeelte van West-Klein-Azië, Lydië, welks vorsten +voortgekomen uit een gedeelte van West-Klein-Azië, Lydië, welks vorsten de omliggende landen onderworpen hadden, namelijk de geheele westelijke -helft van Klein-Azië, waar zich zeer veel Grieken hadden nedergezet, als +helft van Klein-Azië, waar zich zeer veel Grieken hadden nedergezet, als in Ephesus, Smyrna, enz. In dit rijk heerschte nu koning +Croesus+, die met schrik Kores' macht tot aan zijne grenzen zag naderen. Hij waagde het hem weerstand te bieden, maar leed eene geduchte nederlaag en @@ -450,26 +420,26 @@ burger van Athene, met name Tellus, die veel vreugde aan zijne kinderen beleefde en voor het vaderland stierf, dat hem een eerzuil liet oprichten. Ik vroeg nog verder naar gelukkigen en hoorde van twee Grieksche jongelingen, die hunne moeder innig vereerden; van mij echter -zeî Solon niets. Toen kon ik mijn verdriet niet langer verbergen en +zeî Solon niets. Toen kon ik mijn verdriet niet langer verbergen en sprak: "O vreemdeling, acht gij dan mijn geluk zoo gering, dat gij mij niet eens met gemeene burgers in vergelijking stelt?" En Solon antwoordde: "Dikwijls is een arm man veel gelukkiger dan een rijke. En dan bedenk ik altijd, dat er in een menschelijk leven veel veranderen kan. Gij zijt nu zeer rijk en koning over een groot volk; ik kan u -echter niet den gelukkigsten mensch noemen, vóór dat ik verneem, dat gij +echter niet den gelukkigsten mensch noemen, vóór dat ik verneem, dat gij uw leven ook gelukkig ten einde gebracht hebt. Bij alle dingen moet men -op het einde letten, en vóór den dood mag men niemand gelukkig roemen." +op het einde letten, en vóór den dood mag men niemand gelukkig roemen." -Zoo sprak de wijze Solon; maar ik verachtte hem en liet hem nooit weêr -vóór mij komen. Sedert heb ik reeds veel ongeluk gehad, en heden, in den +Zoo sprak de wijze Solon; maar ik verachtte hem en liet hem nooit weêr +vóór mij komen. Sedert heb ik reeds veel ongeluk gehad, en heden, in den grootsten nood, is Solon mij in de gedachte gekomen. Nu weet gij, o Kores, waarom ik dezen naam riep." Kores was diep geroerd. Hij schonk Croesus het leven en hield hem als vriend en raadgever bij zich. Maar de landen, waarover Croesus -geheerscht had, kwamen bij Kores' rijk, ± 549. Nu was er van het bekende -land van Azië maar één groote staat over, die nog niet tot de Perzische -heerschappij behoorde, Babylonië. Reeds had het geheimzinnige schrift +geheerscht had, kwamen bij Kores' rijk, ± 549. Nu was er van het bekende +land van Azië maar één groote staat over, die nog niet tot de Perzische +heerschappij behoorde, Babylonië. Reeds had het geheimzinnige schrift aan den wand Belsazar verkondigd, dat zijn rijk _Upharsin_, aan de Perzen, zou komen. Maar de hoofdstad, Babylon, was sterk en groot. Prachtig lag zij aan beide zijden van den beneden-Eufraat en had 9 @@ -486,7 +456,7 @@ wonderwerken der oude wereld. Kende de legende ze toe aan Semiramis (blz. 14), de geschiedenis leert, dat Nebukadnezar ze had laten vervaardigen, om door den rijzenden en dalenden grond de glooiingen der bergen na te bootsen. Zijne vrouw was eene Medische prinses, dochter -van Cyaxares, en verlangde in het vlakke Babylonië terug naar de +van Cyaxares, en verlangde in het vlakke Babylonië terug naar de berggezichten uit haar geboorteland. -- In een deel der stad, dat eene geduchte ruimte insloot, verhief zich een groote toren, die met den tempel aan zijn voet aan den zonnegod +Baal+ of +Bel+ gewijd was. Hij @@ -501,7 +471,7 @@ den nacht het water van den Eufraat afleiden. Daarop marcheerden de Perzen in de rivierbedding onder den muur door en overvielen de inwoners, die slechts aan hunne feestelijkheid gedacht hadden. Zoo werd Kores meester van Babylon en het geheele Babylonische rijk, 538, en gaf -den Israelieten verlof naar het heilige land terug te gaan, waarmeê +den Israelieten verlof naar het heilige land terug te gaan, waarmeê hunne 70 jarige Babylonische ballingschap eindigde. @@ -511,14 +481,14 @@ van Egypte, 525 (blz. 13). Spoedig daarna stierf hij en zou, bij ontstentenis van een zoon, opgevolgd zijn door een' jonger' broeder, hadde hij dien niet reeds vroeger in 't geheim laten vermoorden. Nu nam een Medisch priester de rol van dezen op, en, als hij zich had kunnen -handhaven, dan waren de Meden weêr het hoofdvolk geworden. Maar nadat +handhaven, dan waren de Meden weêr het hoofdvolk geworden. Maar nadat Pseudo-Smerdis, zoo noemt het Grieksche verhaal hem, eenige maanden geregeerd had, werd hij door saamgezworenen van den troon gestooten, en +Darius+, de naaste bloedverwant van Cambyses, werd heerscher. Hij kwam in Europa, trok den Donau over tegen de Scythen, onderwierp op zijn -terugtocht Thracie en Macedonië gedeeltelijk (dit werd de 20ste +terugtocht Thracie en Macedonië gedeeltelijk (dit werd de 20ste satrapie[1] van zijn groot rijk), bedwong de opgestane Grieken in -het westen van Klein-Azië, ± 500, en vond in de hulp, die dezen uit +het westen van Klein-Azië, ± 500, en vond in de hulp, die dezen uit het moederland ontvangen hadden, voorwendsel en aanleiding om ook Griekenland aan te vallen. Dit stiet het Perzische rijk van het toppunt zijner macht af, zooals wij later bij de Grieken zullen zien. @@ -541,12 +511,12 @@ hun' godsdienst op de wijs der oude Germanen, zonder tempels of beelden, in de vrije natuur, en aanbaden vooral het +vuur+. Toen zich later veel afgoderij ontwikkeld had, trad een wijs man op, +Zoroaster+, en werd de eigenlijke stichter van het geloof, dat in de heilige boeken -+Zendavesta+, d. w. z. tekstverklaring, is ontwikkeld. Volgens deze ++Zendavesta+, d. w. z. tekstverklaring, is ontwikkeld. Volgens deze is er naast den goeden wereldschepper +Ormuzd+ nog een booze geest +Ahriman+, en vele aan hen ondergeschikte wezens, goede en kwade engelen. Ook Ahriman was aanvankelijk goed en werd eerst door nijd omgekeerd. Zijn element is de duisternis, gelijk dat van Ormuzd het -licht is. Na langen tijd en zware boete zal hij weêr heilig en goed +licht is. Na langen tijd en zware boete zal hij weêr heilig en goed worden. Als eenmaal de beheerscher van het booze geheel overwonnen is, volgt de opstanding der dooden en de verjonging der wereld. @@ -566,71 +536,71 @@ voort. * * * * * De geschiedenis der +Joden+ mag als bekend verondersteld worden; daarom -volgen hier slechts de voornaamste jaartallen: Abraham ± 2000 v. Chr.; +volgen hier slechts de voornaamste jaartallen: Abraham ± 2000 v. Chr.; Jozef 1800; Mozes 1500; Salomo 1000; verdeeling van het rijk in 10 en 2 -stammen 986; verwoesting van het rijk Israël door Salmanasser, koning -van Assyrië aan den Tigris, ± 725, (blz. 14); verwoesting van 't rijk -van Juda 586 door Nebukadnezar, koning van Babylonië, aan den Eufraat +stammen 986; verwoesting van het rijk Israël door Salmanasser, koning +van Assyrië aan den Tigris, ± 725, (blz. 14); verwoesting van 't rijk +van Juda 586 door Nebukadnezar, koning van Babylonië, aan den Eufraat (blz. 15); terugkeering uit de gevangenschap 536, door Kores, koning van -Perzië (blz. 19). +Perzië (blz. 19). -4. De Phoeniciërs. +4. De Phoeniciërs. 1. Naast de Joden, aan de bergachtige kust der Middellandsche zee, -woonden de +Phoeniciërs+, die in den bijbel dikwijls vermeld worden. +woonden de +Phoeniciërs+, die in den bijbel dikwijls vermeld worden. Hun geheele landje was nauwelijks dertig mijlen lang en hoogstens vijf -mijlen breed. Van het overige Azië was het door het hooge gebergte van +mijlen breed. Van het overige Azië was het door het hooge gebergte van den Libanon gescheiden, die het in den vorm van een halven cirkel omringt. Daar het land grootendeels onvruchtbaar, de zee daarentegen -zeer vischrijk was, zoo moesten de Phoeniciërs reeds vroegtijdig ter +zeer vischrijk was, zoo moesten de Phoeniciërs reeds vroegtijdig ter zee zich begeven. De prachtvolle cederen van den Libanon gaven hun het noodige hout tot den bouw der schepen. Hun smalle landje had -voortreffelijke havens. Zoo kon het niet missen, of de Phoeniciërs +voortreffelijke havens. Zoo kon het niet missen, of de Phoeniciërs moesten spoedig tot scheepvaart geraken. Zij waagden zich stoutweg op de open voor hen liggende Middellandsche zee en dreven belangrijken handel. Daar zij echter de magneetnaald, die steeds naar 't noorden wijst en zoo de hemelstreken aangeeft, nog niet hadden, moesten zij op hunne vaarten vaak landen en zich rustplaatsen kiezen. Daardoor ontstonden -nederzettingen of +koloniën+, die voor den handel buitengewoon +nederzettingen of +koloniën+, die voor den handel buitengewoon belangrijk werden. -2. De eerste landingsplaats der Phoeniciërs was wel het nabij liggende +2. De eerste landingsplaats der Phoeniciërs was wel het nabij liggende eiland +Cyprus+, waar zij zeer vroeg koperbergwerken ontdekten. Voorts voeren zij naar +Creta+, het tegenwoordige +Candia+, dat van hooge krijtrotsen doortrokken is. Van hier zeilden zij naar de eilanden en -kusten van Griekenland en Klein-Azië. Toen echter de Grieken zelf een -machtig volk werden en scheepvaart dreven, wendden de Phoeniciërs zich +kusten van Griekenland en Klein-Azië. Toen echter de Grieken zelf een +machtig volk werden en scheepvaart dreven, wendden de Phoeniciërs zich naar +Noord-Afrika+. Hier stichtten zij vele steden, onder andere Hippo, Tunis en vooral +Karthago+. Tegenover deze legden zij ook op de eilanden -+Sicilië+ en +Sardinië+ koloniën aan. ++Sicilië+ en +Sardinië+ koloniën aan. Het gewichtigst was echter de Phoenicische handel op +Spanje+. Hier was goud, zilver en andere kostbare metalen in groote menigte. De oude inwoners, die de waarde van hunne bezitting niet kenden, ruilden gaarne -met de Phoeniciërs, en dezen verzuimden niet hun voordeel op het -schoone land te zoeken. De hoofdzetel van hun Spaansche koloniën was in -het Zuiden, waar zij veel steden stichtten, b. v. +Gades+ (+Kadix+), -+Malaka+, enz. De Phoeniciërs zouden ook door de zeeëngte van +met de Phoeniciërs, en dezen verzuimden niet hun voordeel op het +schoone land te zoeken. De hoofdzetel van hun Spaansche koloniën was in +het Zuiden, waar zij veel steden stichtten, b. v. +Gades+ (+Kadix+), ++Malaka+, enz. De Phoeniciërs zouden ook door de zeeëngte van +Gibraltar+ naar den Atlantischen Oceaan gevaren zijn en uit de +Engelsche+ eilanden tin, ja zelfs uit de Oostzee het barnsteen gehaald hebben. Behalve hun scheepvaart dreven zij een grooten handel te land, naar -Egypte, Arabië, naar den Euphraat en verder; ook bezaten zij koloniën -aan de Roode en Perzische zee en zelfs in Indië. +Egypte, Arabië, naar den Euphraat en verder; ook bezaten zij koloniën +aan de Roode en Perzische zee en zelfs in Indië. -3. De werkzaamheid der Phoeniciërs was voor de ontwikkeling van verkeer +3. De werkzaamheid der Phoeniciërs was voor de ontwikkeling van verkeer en beschaving zeer zegenrijk. Zij verbreidden veel nuttige wetenschappen en verbeterden de uitvindingen, die zij bij andere volken aantroffen, zooals het +letterschrift+, dat zij van de Egyptenaren leerden. De +glasbereiding+, die het eerst door hen uitgevonden zou zijn, was reeds -vroeger bij de Egyptenaren bekend. De Phoeniciërs hebben echter de +vroeger bij de Egyptenaren bekend. De Phoeniciërs hebben echter de verdienste, dat zij deze en andere nijverheidstakken vlijtig dreven en in grootere kringen bekend maakten. Zij vervaardigden uit glas verschillende vaatwerken en versierselen, bebouwden de bergen, bewerkten @@ -644,7 +614,7 @@ de handel moest ook noodwendig tot deze leiden. Zoo is het ook met de vervaardiging van +geldstukken+ of +munten+. -4. De +Phoeniciërs+ waren door hun uitgebreiden handel langzamerhand het +4. De +Phoeniciërs+ waren door hun uitgebreiden handel langzamerhand het rijkste en aanzienlijkste volk geworden. Hun vroeger zoo arm landje scheen een schoone lusthof. Alle 4 uren was een schoone hoofdstad met voortloopende plantsoenen tot aan de volgende. Iedere stad met haar @@ -654,20 +624,20 @@ ondernemingen. De hoofden der afzonderlijke staten werden dikwijls koningen genoemd; zij waren echter waarschijnlijk slechts hooge beambten. De oudste stad van het land was +Sidon+. Beroemder dan zij, ja de beroemdste handelstad der oude wereld was +Tyrus+, een kolonie der -Sidoniërs, daarom ook dochter van Sidon geheeten. In den tijd van den +Sidoniërs, daarom ook dochter van Sidon geheeten. In den tijd van den Joodschen koning +David+ stond Tyrus onder zijn koning +Hiram+ op het toppunt zijner macht. Het verdrag, dat +Hiram+ met +Salomo+ wegens den tempelbouw te Jeruzalem sloot, is om zijne hooge oudheid zeer merkwaardig. -Phoenicië was toen de markt van de geheele bekende wereld. Alles wat men -om te leven of tot vermaak noodig had, kwam uit de hand der Phoeniciërs. +Phoenicië was toen de markt van de geheele bekende wereld. Alles wat men +om te leven of tot vermaak noodig had, kwam uit de hand der Phoeniciërs. Welk leven was er in de steden en aan de kusten! Daar waaiden de zeilen, daar snorden de raderen, daar gingen de hamers; alles leefde, bewoog zich en handelde. Steden en oevers wemelden van bezige menschen. Het land was een gelukkig land te noemen. Maar rondom woonden volken, die -oorlogzuchtig waren en dikwijls den vrede der Phoeniciërs stoorden. -+Salmanassar+, de strijdlustige koning van Assyrië, die het rijk Israël +oorlogzuchtig waren en dikwijls den vrede der Phoeniciërs stoorden. ++Salmanassar+, de strijdlustige koning van Assyrië, die het rijk Israël vernietigde, onderwierp de Phoenicische steden en verdrukte ze hard. Later kwam +Nebukadnezar+ van Babylon en bestreed Tyrus zooals Jeruzalem. De inwoners van Tyrus verdedigden zich dapper, zoodat de @@ -677,24 +647,24 @@ menschen. De inwoners hadden ze met al hun have verlaten en waren naar een naburig eiland gevlucht, waar zij spoedig weder een nieuw Tyrus oprichtten met al de pracht van 't oude. Dit werd de hoofdzetel van den wereldhandel en bleef het, tot dat, 300 jaar later, de koning +Alexander -van Macedonië+ kwam en de stad na eene belegering van zeven maanden +van Macedonië+ kwam en de stad na eene belegering van zeven maanden veroverde. Hij liet haar wegens haar wanhopigen tegenstand in puinhoopen verkeeren. De inwoners werden neergesabeld, aan het kruis geslagen of als slaven verkocht. Alexander liet Tyrus wel weder opbouwen, maar de oude heerlijkheid was voorbij, want hij grondde nog in 't zelfde jaar -een stad aan den mond van den Nijl, naar hem Alexandrië geheeten, die +een stad aan den mond van den Nijl, naar hem Alexandrië geheeten, die den handel van Tyrus wegtrok. Sedert dien tijd is het Phoenicische kustenland door voortdurende verzandingen tot een ware zandwoestijn geworden en armelijke visschershutten staan heden daar, waar vroeger de volkrijkste steden bloeiden. -Verreweg de belangrijkste van alle Phoenicische koloniën was Karthago, +Verreweg de belangrijkste van alle Phoenicische koloniën was Karthago, op de noordkust van Afrika, oorspronkelijk eene Sidonische nederzetting, maar die van Tyrus nieuw bloed en leven kreeg, en na de rampen dezer stad op hare beurt eeuwen lang bloeide. Haar gebied strekte zich rechts en links uit en reikte diep landwaarts in. Naar 't voorbeeld van 't -moederland coloniseerende, kwamen Sardinië, Corsica en de grootste -westelijke helft van Sicilië in haar bezit. Later zullen we het in den +moederland coloniseerende, kwamen Sardinië, Corsica en de grootste +westelijke helft van Sicilië in haar bezit. Later zullen we het in den kamp tegen Rome zien ondergaan. @@ -713,13 +683,13 @@ nieuwe, was om zijn schoonheid zeer beroemd. Men onderscheidt van het noordelijke deel des lands het schiereiland +Morea+, vroeger +Peloponnesus+ genoemd, waarbij nog vele eilanden behooren. De Grieken hadden ook talrijke nederzettingen aan de kusten van de Middellandsche -zee, voornamelijk in klein-Azië en Italië (bladz. 32.) Griekenland werd -door veel kleine volksstammen bewoond, die uit Azië afkomstig waren. +zee, voornamelijk in klein-Azië en Italië (bladz. 32.) Griekenland werd +door veel kleine volksstammen bewoond, die uit Azië afkomstig waren. Onder dezen traden langzamerhand de Hellenen op den voorgrond, wier naam -nog heden bestaat en met dien van Grieken één is. Verscheidene sagen +nog heden bestaat en met dien van Grieken één is. Verscheidene sagen wijzen er op, dat ook vreemde volksstammen naar Griekenland kwamen, die reeds een hoogeren graad van beschaving bezaten, namelijk uit Egypte en -Phoenicië. Naast deze sagen zijn vooral beroemd die, welke van groote +Phoenicië. Naast deze sagen zijn vooral beroemd die, welke van groote helden vertellen, b.v. van +Hercules+. @@ -727,7 +697,7 @@ helden vertellen, b.v. van +Hercules+. menschelijk voorstelden, terwijl zij hun een hoogere macht toeschreven. De koning der goden was +Zeus+ of +Jupiter+, die naar de schikkingen van het noodlot alles bestuurde, en met de hemellingen op den +Olympus+, een -berg in +Thessalië+, in het noorden van Griekenland, woonde. De bode en +berg in +Thessalië+, in het noorden van Griekenland, woonde. De bode en middelaar tusschen goden en menschen was +Hermes+ of +Merkurius+, die met een staf en vleugels aan de hielen afgebeeld werd. De +Muzen+ waren de beschermsters der muziek en andere kunsten. Behalve dat dachten de @@ -769,13 +739,13 @@ tijdruimte van 4 jaren, met 776 v. Chr. beginnend, een +olympiade+. -6. De tocht naar Troje. -- 1200 v. C. +6. De tocht naar Troje. -- 1200 v. C. 1. De Grieken hadden geen godsdienstboek zooals de Perzen en Joden; zij lazen en leerden in de plaats daarvan de groote gedichten, die men een ouden zanger, +Homerus+ genaamd, toeschrijft en die den tocht der -Grieken naar Troje behandelen. De stad +Troje+ lag in Klein-Azië, aan de +Grieken naar Troje behandelen. De stad +Troje+ lag in Klein-Azië, aan de westkust, en was de schouwplaats van een langen oorlog, waarover wij naar de oude verhalen iets zullen hooren. @@ -807,14 +777,14 @@ Het was een groot nadeel voor de Grieken, dat hun grootste held Achilles een geruimen tijd zich geheel van den strijd terugtrok uit bitteren haat tegen Agamemnon, met wien hij twist had. Maar toen zijn boezemvriend, Patroclus, door Hector verslagen was, verhief hij zich als een brullende -leeuw en rustte niet, vóór hij Hector gedood had. Het lijk van Hector +leeuw en rustte niet, vóór hij Hector gedood had. Het lijk van Hector liet hij door paarden sleepen, maar gaf het eindelijk op de beden van Priamus tot een plechtige begrafenis terug. Toen zich later de strijd vernieuwde, viel ook Achilles, getroffen door een pijl van Paris. 2. Nadat de Grieken 10 jaar voor Troje gestreden hadden, werden zij de -lange belegering moê en wenschten naar huis te gaan. Toen gaf de sluwe +lange belegering moê en wenschten naar huis te gaan. Toen gaf de sluwe Odysseus den raad, de stad met list te veroveren. Men bouwde een houten paard, zoo groot als een toren en verstak daarin dertig helden, waaronder ook Odysseus was. Dit houtwerk liet men in de legerplaats @@ -836,7 +806,7 @@ en lieten ze binnen. Daar vlogen van alle kanten de vlammen in de hoogte en er begon een verwoesting, die vreeselijk was. De Trojanen streden als razenden, maar het was te vergeefs. De geheele stad werd verwoest en al het volk met Priamus en zijn zoons gedood. Slechts een klein hoopje -redde zich, waarbij de vrome +Aeneas+, die eindelijk naar Italië kwam en +redde zich, waarbij de vrome +Aeneas+, die eindelijk naar Italië kwam en hier zeer machtig werd. Menelaus bekwam zijn Helena weder, maar het schoone Troje lag in puinhoopen. @@ -853,43 +823,43 @@ een vrij algemeene verhuizing der Grieken, waartoe de bewoners van Doris in Midden-Griekenland[2] den stoot gaven. Daarnaar noemt men ze de +Dorische volksverhuizing+, maar, zooals we zoo even zeiden, het was eene algemeene verplaatsing, ten gevolge waarvan de Peloponnesus -de hoofdzetel der Doriërs werd, Attica die der Joniërs; dit waren +de hoofdzetel der Doriërs werd, Attica die der Joniërs; dit waren de twee hoofdstammen. Maar men ging ook verder. Vele Grieken van verschillende stammen gingen zich elders vestigen, gelijk wij ook de -Phoeniciërs hebben zien doen, en zoo ontstonden een menigte Grieksche +Phoeniciërs hebben zien doen, en zoo ontstonden een menigte Grieksche volkplantingen, +nederzettingen+, zelfstandige republiekeinsche steden (blz. 26). Links en rechts vond men ze, als: -op Sicilië: +Syracuse+, Agrigentum, Selinus, enz. +op Sicilië: +Syracuse+, Agrigentum, Selinus, enz. -in Zuid-Italië zoo vele, dat dit naar de nieuwe bewoners den naam van -Groot-Griekenland kreeg, o. a. Neapolis (nu Napels), Maloënton (later +in Zuid-Italië zoo vele, dat dit naar de nieuwe bewoners den naam van +Groot-Griekenland kreeg, o. a. Neapolis (nu Napels), Maloënton (later Beneventum), Tarente, Sybaris, Croton; -in Spanje Saguntum; in Gallië (Frankrijk) Marseille; +in Spanje Saguntum; in Gallië (Frankrijk) Marseille; -in Macedonië: Olynthus, Thessalonica, e. a.; +in Macedonië: Olynthus, Thessalonica, e. a.; -in Thracië Byzantium (nu Konstantinopel); +in Thracië Byzantium (nu Konstantinopel); rondom de Propontis en de Zwarte Zee, zelfs eene aan de monding van den -Don, even als deze Tanaïs geheeten; +Don, even als deze Tanaïs geheeten; -langs en in de Aegaeïsche zee. Vooral de laatste, aan de westzijde van -Klein-Azië, waren talrijk en bloeiend. Zoo waren o. a. Smyrna, Ephesus +langs en in de Aegaeïsche zee. Vooral de laatste, aan de westzijde van +Klein-Azië, waren talrijk en bloeiend. Zoo waren o. a. Smyrna, Ephesus en Miletus Ionisch, gelijk de eilanden Samos, Chios en Euboea; Aeolisch waren de eilanden Lemnos en Lesbos; Dorisch de zuidelijke Cycladen en Sporaden, Rhodus en Creta. - [2] Noord-Griekenland bestond uit Thessalië (oost) en Epirus, + [2] Noord-Griekenland bestond uit Thessalië (oost) en Epirus, (west); Midden-Griekenland of Hellas van 't oosten naar 't westen uit: - Attica (met Athene), Megaris, Boeotië (met Thebe), Phocis, - Locris, Doris, Aetolië en Acarnanië; + Attica (met Athene), Megaris, Boeotië (met Thebe), Phocis, + Locris, Doris, Aetolië en Acarnanië; Zuid-Griekenland of de Peloponesus uit: Corinthe, Argolis, - Arcadië, Achaja, Elis, Messenië, Laconica (met Sparta). + Arcadië, Achaja, Elis, Messenië, Laconica (met Sparta). @@ -900,14 +870,14 @@ Sporaden, Rhodus en Creta. 1. In +Sparta+, een stad in 't zuidoosten van den +Peloponnesus+, leefde een oorlogzuchtig volk, dat zijn wetten van +Lycurgus+ ontving. Deze beroemde man was volgens de overlevering van koninklijke afkomst en had -zich op reizen naar +Kreta+, Egypte en Klein-Azië belangrijke kennis +zich op reizen naar +Kreta+, Egypte en Klein-Azië belangrijke kennis verworven. Hij ordende de staatsregeering op de volgende wijze. Naast de twee koningen, die sedert ouden tijd in Sparta regeerden, werd er een raad van 28 leden samengesteld, die minstens 60 jaar oud zijn moesten en door het volk voor het overige van hun leven gekozen werden. Deze raad der ouden maakte met de koningen de wetten en legde ze der volksvergadering voor. Hier mocht elk Spartaan, die 30 jaren oud was, -verschijnen en meêstemmen. Behalve dat waren er nog opzieners, die als +verschijnen en meêstemmen. Behalve dat waren er nog opzieners, die als wachters van de wetten iederen burger en iederen beambte, zelfs de koningen rekenschap konden vragen. Lykurgus deed ook zijn best, het vermogen en de levenswijze der Spartanen gelijk te maken. Hij liet @@ -917,7 +887,7 @@ groot zou worden, voerde hij ijzer geld in, tot welks wegbrenging men wagens hield. De stad zou geen muren hebben, opdat de burgers altijd tot den strijd gerust zouden zijn. Zoo werden de Spartanen een beroemd oorlogsvolk. Hun zwaarden waren kort, opdat zij den vijand goed naderen -zouden. De bebouwing van het veld werd den +Heloten+ overgelaten, d. i. +zouden. De bebouwing van het veld werd den +Heloten+ overgelaten, d. i. den ouden inwoners, welke de Spartanen na langen strijd overwonnen en tot slaven gemaakt hadden. Het leven der Heloten was zeer treurig; zij werden als dieren behandeld en dikwijls zonder noodzaak vermoord. @@ -934,7 +904,7 @@ jonge Spartaan in den krijgsdienst. De meisjes moesten ook gymnastische oefeningen maken. Eerbied van jonge lieden tegenover de oudere was streng bevolen. Van veel spreken werd niet gehouden, aan korte antwoorden de voorkeur gegeven. Daardoor bekwamen de Spartanen, ook wel -+Lakoniërs+ geheeten, zulk een bedrevenheid in het geven van bepaalde, ++Lakoniërs+ geheeten, zulk een bedrevenheid in het geven van bepaalde, korte antwoorden, dat men die nog heden +lakonisch+ noemt. @@ -998,7 +968,7 @@ der steden, de leermeesteres der volken werd. 3. Hoewel Solon zijn staatsinstellingen niet voor zonder fout hield, wenschte hij toch, dat zij minstens 10 jaar lang onveranderd nageleefd zouden worden. Toen de Atheners hem dat beloofd hadden, ging hij weder -reizen, waarbij hij ook koning Croesus van Lydië bezocht. Het duurde +reizen, waarbij hij ook koning Croesus van Lydië bezocht. Het duurde echter niet lang of er braken in Athene onordelijkheden uit en Solon moest zien, dat zijn werk niet duurzaam was. Uit verdriet daarover verliet hij zijn vaderstad en ging naar +Cyprus+, waar hij spoedig @@ -1016,7 +986,7 @@ zoo bekend om zijn geluk en voorspoed, en +Pisistratus+ in Athene. Na tweemaal verdreven te zijn, nam deze (540) ten derden male de teugels van 't bewind alleen in handen, en werd na eenige jaren opgevolgd door zijn zoon Hippias. Deze liet zooveel invloed toe aan zijn broeder -Hipparchus, dat zij gewoonlijk in één adem genoemd worden. Nog eenige +Hipparchus, dat zij gewoonlijk in één adem genoemd worden. Nog eenige jaren verneemt men van geen verzet tegen deze oppermacht van enkelen. Maar in 512 werd Hipparchus om eene persoonlijke reden gedood door Harmodius en Aristogiton, waarop Hippias wantrouwend werd. In 510 werd @@ -1028,7 +998,7 @@ hij verdreven en de republiek hersteld. 9. De Perzische oorlogen. -1. Hoewel de Grieken ter westkust van Klein-Azië eerst onder Lydische, +1. Hoewel de Grieken ter westkust van Klein-Azië eerst onder Lydische, vervolgens onder Perzische heerschappij gekomen waren (blz. 17), bleven zij echter de vrijheid liefhebben en trachtten door een opstand het juk van Darius af te schudden (blz. 19). Maar te vergeefs, 500. De hulp die @@ -1040,8 +1010,8 @@ bestrijden, die hem, den almachtigen alleenheerscher, een doorn in 't oog moest zijn. Ook werd hij, zoo verhaalt men althans, in zijn plan versterkt door den wraaklustigen Hippias. Zeker is het, dat hij eene expeditie tegen Griekenland ondernam, waarbij het landleger niet verder -dan een eindweegs in Thracië kwam en de vloot bij 't voorgebergte Athos -in Macedonië door storm vernield werd. Maar nu rustte hij een tweede +dan een eindweegs in Thracië kwam en de vloot bij 't voorgebergte Athos +in Macedonië door storm vernield werd. Maar nu rustte hij een tweede onderneming uit, veel grooter en sterker dan de vorige en zond intusschen gezanten naar de verschillende Grieksche staten om als teeken van onderwerping aarde en water te vragen. Bijna overal gaf men @@ -1050,16 +1020,16 @@ gezanten van Darius in kuilen of putten gesmeten, waar zij aarde en water vonden. Nu kende Darius' woede geen grenzen meer; zijne groote legermacht liet hij door een vloot overbrengen en in Attica landen. -Bij de Spartanen heerschte het bijgeloof, dat zij niet vóór de volle +Bij de Spartanen heerschte het bijgeloof, dat zij niet vóór de volle maan strijden mochten en daarom kwamen zij nog niet. Slechts de kleine -stad Plataeae in Boeotië zond 1000, de Atheners stelden 9000 man. Toen +stad Plataeae in Boeotië zond 1000, de Atheners stelden 9000 man. Toen dit hoopje bij Marathon het groote Perzische leger zag, verloor het den moed. Maar Miltiades, een dapper aanvoerder, bezielde de versaagden en bevocht een glansrijke zege over de Perzen. -- 490. Deze gebeurtenis schrikte echter Darius nog volstrekt niet af. Hij liet drie jaar lang toebereidselen maken voor een nieuwen veldtocht, aan -welks hoofd hijzelf meêtrekken wilde. Hij werd echter door den dood +welks hoofd hijzelf meêtrekken wilde. Hij werd echter door den dood overvallen. Maar Xerxes, zijn opvolger, zette de toebereidselen met den zelfden ijver voort en bracht eindelijk een leger tezamen, zooals de wereld nog geen tweede gezien had. Het bestond uit meer dan een millioen @@ -1080,7 +1050,7 @@ beroemd en groot maken, +die+ kunst meen ik te verstaan." Themistocles had reeds vroeg ingezien, dat de oorlogen met de Perzen niet spoedig zouden eindigen. Daarom spoorde hij de Atheners aan, voor hunne verdediging te zorgen en vooral eene sterke vloot uit te rusten. Ook -rustte hij niet, vóór Sparta en Athene zich nauw vereenigd en ook de +rustte hij niet, vóór Sparta en Athene zich nauw vereenigd en ook de overige staten zich daarbij aangesloten hadden. De eer der hoogste leiding in den krijg (hegemonie) tegen de Perzen viel den Spartanen ten deel. @@ -1090,7 +1060,7 @@ deel. eene en de zee aan de andere zijde slechts een lang smal pad overlaat, dat naar het hart van 't land voert, daar, bij den engen pas van Thermopylae, sloeg de Spartaansche koning Leonidas zich met 8000 Grieken -neêr, om de naderende Perzen te bestrijden. Toen Xerxes dat hoorde, +neêr, om de naderende Perzen te bestrijden. Toen Xerxes dat hoorde, verwonderde hij zich niet weinig en zond boden af, die van de Grieken de wapens opeischten. "Kom ze halen", was het laconische antwoord. En toen den Grieken gezegd werd, dat de vijanden zoo talrijk waren, dat zij met @@ -1119,9 +1089,9 @@ Sparta, dat wij, gehoorzaam aan zijne wetten, hier verslagen liggen." 4. Nadat de dappere Leonidas bezweken was, trad de wijze +Themistocles+ -weêr op. Toen de Perzen door genoemden pas in Hellas doorgedrongen +weêr op. Toen de Perzen door genoemden pas in Hellas doorgedrongen waren, begreep hij, dat Athene ook den geduchten aanval van dat volk -geen weêrstand kon bieden, en overreedde daarom zijne medeburgers, de +geen weêrstand kon bieden, en overreedde daarom zijne medeburgers, de stad te verlaten en zich op schepen te redden. Toen verhuisden de vrouwen en kinderen naar de naburige kusten en eilanden; maar de geheele manschap, in staat de wapenen te dragen, ging met Themistocles @@ -1150,7 +1120,7 @@ uitslag van den zeestrijd afgewacht. Nu bleef hij niet langer hier. Om hem echter snel uit het land te drijven, gebruikte Themistocles eene nieuwe list. Hij liet aan Xerxes zeggen: "De Grieken zijn van plan, de brug over den Hellespont af te breken." -- Deze brug was voor den -overtocht van het Perzische leger over eene smalle zeeëngte (de straat +overtocht van het Perzische leger over eene smalle zeeëngte (de straat der Dardanellen) geslagen. -- Xerxes verschrikte en vlood in aller ijl. Hij verloor daarbij een belangrijk gedeelte van zijn landleger, dat vooral door gebrek aan levensmiddelen en door ziekte zeer verminderde. @@ -1179,11 +1149,11 @@ Atheners onder hun veldheer +Aristides+, met de Spartanen onder +Pausanias+ en sloegen het Perzische leger bij Plataeae, waar Mardonius viel en waar een groote buit behaald werd. -- Op denzelfden dag, zoo verhaalt men, gelukte het den Grieken, de Perzische vloot bij het -voorgebergte +Mykale+ aan de kust van klein-Azië geheel te vernietigen. +voorgebergte +Mykale+ aan de kust van klein-Azië geheel te vernietigen. Sedert dien tijd was Griekenland weder vrij. -- 479. Door het welslagen hunner pogingen aangemoedigd, waagden de Grieken nu, -naar Klein-Azië te gaan om hun broeders daar van het Perzische juk te +naar Klein-Azië te gaan om hun broeders daar van het Perzische juk te bevrijden. Aan het hoofd van de vloot der bondgenooten stond Pausanias, de Spartaansche koning en veldheer, die spoedig overwinningen behaalde. Men bemerkte echter, dat hij tot Perzische gewoonten overhelde en de @@ -1234,12 +1204,12 @@ dat Athene met een muur omringd werd, en dat het door zijne zeemacht de opperheerschappij in Griekenland kreeg. Maar niettegenstaande alle verdiensten moest hij eindelijk als offer van 't schervengerecht vallen. De verbitterde Spartanen klaagden hem aan van verstandhouding met de -Perzen, en rustten niet, vóór hij verbannen werd. En toen Themistocles +Perzen, en rustten niet, vóór hij verbannen werd. En toen Themistocles op geene plaats van Griekenland meer veilig was, vluchtte hij naar -Perzië. De opvolger van Xerxes nam hem vriendelijk op en hoopte van hem +Perzië. De opvolger van Xerxes nam hem vriendelijk op en hoopte van hem voordelen te erlangen. Toen Themistocles echter zag, dat hij tegen zijn vaderland werken moest, besloot hij liever te sterven en nam vergif. Te -Magnesia in Klein-Azië werd hem een kostbaar gedenkteeken opgericht; +Magnesia in Klein-Azië werd hem een kostbaar gedenkteeken opgericht; zijn gebeente zou echter, op zijn eigen verlangen, heimelijk naar Griekenland gebracht zijn. @@ -1249,11 +1219,11 @@ Griekenland gebracht zijn. 10. Pericles -- 444 v. Chr. -1. De oorlogen, die tot bevrijding der Grieken in Klein-Azië tegen de +1. De oorlogen, die tot bevrijding der Grieken in Klein-Azië tegen de Perzen gevoerd werden, waren door +Cimon+, den zoon van Miltiades, tot een gelukkig einde gebracht. Tien jaren na de slagen van Plataeae en Mykale sloeg hij de Perzische zee- en landmacht bij de Eurymedon in -Klein-Azië en twintig jaar later op nieuw bij de stad Salamis op Cyprus +Klein-Azië en twintig jaar later op nieuw bij de stad Salamis op Cyprus 449. De vier en veertigjarige Perzische oorlog was geeindigd, en Griekenland stond daar groot en machtig. Omstreeks dezen tijd trad te Athene een man op, die voor geheel Griekenland van de grootste @@ -1312,8 +1282,8 @@ en in de hallen: overal zag men eene frissche en grootsche werkzaamheid, en Pericles was de ziel van 't geheel. Het anders zoo heerschzuchtige volk liet zich gaarne door hem leiden. Wat hij aanried, geschiedde; wat hij sprak, dat gold. "Hij draagt den donder en bliksem op zijne tong," -zeiden de Atheners, en noemden hem niet anders, dan den +Olympiër+, -d. i. den hemelschen. +zeiden de Atheners, en noemden hem niet anders, dan den +Olympiër+, +d. i. den hemelschen. 3. De groote macht, die Athene onder Pericles bereikte, deed bij de @@ -1345,7 +1315,7 @@ onverrichter zake terugkeeren, want ook op de schepen woedde de pest. Toen nam het wankelmoedige volk hem het opperbevel af, en veroordeelde hem tot eene geldboete van 15 talenten (ongeveer 37.500 gld., daar een -talent ± 2500 gld. was). +talent ± 2500 gld. was). Dit ongeval verdroeg Pericles met gelatenheid. Maar de pest naderde ook zijn familiekring. Eerst bezweken daaraan zijne beide oudste zonen en @@ -1385,17 +1355,17 @@ Peloponnesischen oorlog een belangrijken invloed kreeg. Hij had een ijdel, eergierig karakter, was moedwillig en stout, maar had ook eene, zelfs in Athene, zeldzame welsprekendheid. Bij zijne geweldige zucht tot onderscheiding en roem was niets hem gewenschter dan oorlog. Toen -zich nu eene gelegenheid aanbood op Sicilië eene Ionische stad tegen +zich nu eene gelegenheid aanbood op Sicilië eene Ionische stad tegen een Dorische bij te staan, wendde Alcibiades dadelijk al zijne -welsprekendheid aan om de Atheners tot een tocht daarheên te bewegen. De +welsprekendheid aan om de Atheners tot een tocht daarheên te bewegen. De veldheer Nicias, die kort te voren een vrede met de Spartanen bewerkt had, ried even als andere mannen den oorlog af. Het volk liet zich echter door Alcibiades medesleepen; het besloot tot den tocht, en koos Alcibiades tot aanvoerder daarvan. Nauwelijks echter had deze het -eerste succes op Sicilië behaald, of hij werd weêr teruggeroepen. Hij -was namelijk aangeklaagd, in den nacht vóór zijn vertrek de vele +eerste succes op Sicilië behaald, of hij werd weêr teruggeroepen. Hij +was namelijk aangeklaagd, in den nacht vóór zijn vertrek de vele standbeelden van den god Hermes of Mercurius verminkt te hebben. Toen -verliet hij het eiland Sicilië, ging evenwel niet naar Athene, maar naar +verliet hij het eiland Sicilië, ging evenwel niet naar Athene, maar naar Sparta, in de legerplaats der oude vijanden. Toen de Atheners hem daarop ter dood veroordeelden, zeide hij: "Ik zal hun toonen dat ik nog leef," en hij hield schrikkelijk woord. @@ -1403,7 +1373,7 @@ en hij hield schrikkelijk woord. Te Sparta leefde de vroeger zoo zwelgende jongeling geheel naar de strenge wetten van dat volk en verwierf zich spoedig het vertrouwen daarvan. Uit wraak tegen de Atheners spoorde hij de Spartanen aan, den -gesloten vrede te verbreken en de Atheensche onderneming op Sicilië +gesloten vrede te verbreken en de Atheensche onderneming op Sicilië te gaan bestrijden. Toen was het geluk der Atheners uit. Zij werden geslagen en hunne vloot vernield. Het hoog gestegen Athene lag in het stof. @@ -1411,8 +1381,8 @@ stof. 2. Intusschen haalde Alcibiades zich door zijn opbruisenden zin in Sparta veel vijanden op den hals en zag zich genoodzaakt de vlucht te -nemen. Hij ging naar Klein-Azië, waar Atheners en Spartanen elkaâr den -voorrang betwistten in de van Perzië bevrijde deelen, en dat het tooneel +nemen. Hij ging naar Klein-Azië, waar Atheners en Spartanen elkaâr den +voorrang betwistten in de van Perzië bevrijde deelen, en dat het tooneel van het derde tijdvak des Peloponesischen oorlogs werd. Toen werd hij door de bemanning der Atheensche vloot zelve met het opperbevel over deze bekleed. Met Alcibiades keerde ook Athenes geluk terug. Zij sloegen @@ -1423,8 +1393,8 @@ Maar deze jubeltoon was niet duurzaam. Alcibiades had eenmaal de leiding der vloot aan een onderbevelhebber toevertrouwd, terwijl hij iets met de Perzen te verhandelen had. Dadelijk overviel toen de Spartaansche veldheer Lysander de Atheners en versloeg ze. Ten gevolge dezer -nederlaag zetten de Atheners, veranderlijk als het weêr, Alcibiades af, -die zich naar Klein-Azië terugtrok. Hier moest hij zien hoe de Atheners, +nederlaag zetten de Atheners, veranderlijk als het weêr, Alcibiades af, +die zich naar Klein-Azië terugtrok. Hier moest hij zien hoe de Atheners, die zijne waarschuwing verachtten, geheel verslagen werden en hoe Athene, die trotsche stad, veroverd en mishandeld werd, 404. -- De overwinnende Spartanen hadden den gevaarlijken Alcibiades niet uit het @@ -1432,7 +1402,7 @@ oog verloren. Zij verlangden van de Perzen, dat hij hun zou uitgeleverd worden. Wijl dezen hem zeer vreesden, zoo waagden zij niet tegen hem op te treden. Zij staken daarom 's nachts zijne woning aan, om hem levend te verbranden. En toen Alcibiades zich met het zwaard in de vuist door -de vlammen heên een weg baande, vloden zij verschrikt, tot het hun +de vlammen heên een weg baande, vloden zij verschrikt, tot het hun eindelijk uit de verte gelukte, den geduchten strijder zoo met pijlen te overstelpen, dat hij doorboord ter aarde zonk. Alcibiades bood een trouw beeld van zijne vaderstad. Gelijk hij vallen moest, zoo was ook de @@ -1484,7 +1454,7 @@ Zij verlieten gaarne de vermakelijkheden, om slechts bij hun geliefden leermeester te zijn. +Euclides+ van Megara kwam vier mijlen ver tot Socrates. En toen eens de Atheners tegen de Megarensers oorlog voerden en elk van hen op straffe des doods verboden in de stad te komen, sloop -Euclides dikwijls in vrouwenkleêren door de poort, om naar Socrates te +Euclides dikwijls in vrouwenkleêren door de poort, om naar Socrates te hooren. +Xenophon+, een ander leerling, dien Socrates op den openbaren weg voor zijn onderwijs gewonnen had, verzekerde later van zijn meester: "Niets kon nuttiger zijn dan zijn gezelschap en zijn omgang. Zelfs als @@ -1493,7 +1463,7 @@ waren, tot versterking en kracht in al wat goed is." Socrates verstond de kunst, op de gemakkelijkste en eenvoudigste manier te onderwijzen. Hij stelde vragen, waardoor hij tot nadenken dwong, en -leidde het in gesprekken daarheên, dat men de diepste leeringen opdeed. +leidde het in gesprekken daarheên, dat men de diepste leeringen opdeed. Zijn onderwijs was gratis en daarom voor allen toegankelijk. Socrates sprak ook tot de volwassenen op de markt en op de straten, en werd daardoor zeer bekend. Zijn roemde verbreidde zich zoo ver, dat de @@ -1512,11 +1482,11 @@ openbaar leven en bezwoer dat sedert 30 jaar niets hem meer aan het harte gelegen had, dan zijne medeburgers deugdzamer en gelukkiger te maken, en dat hij hiertoe de goddelijke roeping in zich gevoeld had. Eene zoo vrijmoedige verdediging verbitterde de rechters. Zij zonden hem -voorloopig weêr naar de gevangenis. Hier bracht een vriend, +Lysias+, +voorloopig weêr naar de gevangenis. Hier bracht een vriend, +Lysias+, hem eene schoone verdedigingsrede (apologie); die moest hij uitspreken. Socrates las ze en vond ze schoon. "Maar, zeide hij, als gij mij zachte en prachtige sokken bracht, zou ik ze niet aantrekken, omdat ik ze voor -onmannelijk houd." Daarmeê gaf hij de rede terug. In de eerstvolgende +onmannelijk houd." Daarmeê gaf hij de rede terug. In de eerstvolgende vergadering van 't gerecht werd het lot van Socrates beslist. Eene meerderheid van drie stemmen slechts veroordeelde hem tot den dood. Socrates bleef rustig, maar zijne leerlingen niet. Zij drongen met @@ -1545,7 +1515,7 @@ ik schuldig stierve?" Toen op den laatsten avond alle vrienden bijeen waren, nam +Krito+ het woord en zeide: "Zeg ons, welke opdracht laat gij mij en dezen uwen -vrienden na? Waarmeê kunnen wij naar uw welgevallen leven?" De grijsaard +vrienden na? Waarmeê kunnen wij naar uw welgevallen leven?" De grijsaard antwoordde: "Als gij zoo leeft, als ik u sedert lang aanbevolen heb. Ik behoef hier niets meer bij te voegen." Nu kwamen nog zijne vrouw met de drie kinderen, en weenden luid. Toen nam Socrates afscheid, en verzocht, @@ -1558,7 +1528,7 @@ verscheen met den gifbeker, en Socrates bereidde zich tot den dood. Hij nam den kelk met opgewekt gelaat, en dronk dien krachtig uit. Terwijl zijne vrienden jammerden, zeide hij: "Ik genees; offert +Aesculaap+ -- den god der geneeskunde -- een haan!" Daarop verscheidde hij -- 400 -v. C. +v. C. Eerst na den dood van den grooten wijze, zagen de Atheners hun ongelijk in. Zij dreven grooten rouw, veroordeelden den voornaamsten beschuldiger @@ -1578,10 +1548,10 @@ is, waar vrienden der wijsheid wonen. 1. Sedert den val van Athene kende de overmoed der Spartanen geene grenzen meer. Zij hielpen hunne stamgenooten in het naburige werelddeel tegen de Perzen, en hun koning Agesilaus veroverde de geheele westelijke -helft van Klein-Azië. De Perzische koning verwekte toen een oorlog van +helft van Klein-Azië. De Perzische koning verwekte toen een oorlog van Korinthe en andere Grieksche staten tegen Sparta (Korinthische oorlog), waarin de zegepraal wisselvallig was. Maar de Spartanen gaven liever -hunne overwinningen in Azië op dan hunne overmacht in Griekenland, en +hunne overwinningen in Azië op dan hunne overmacht in Griekenland, en sloten daarom in 387 den vrede van Antalcidas, den bewerker, die aan den Grieksch-Perzischen oorlog en aan dien der Grieken onderling een einde maakte. Midden in den vrede overvielen de Spartanen nu Thebe, waar @@ -1632,18 +1602,18 @@ vreemde heerschappij kwam, die alles onderwierp. -14. Alexander van Macedonië -- 333 v. Chr. +14. Alexander van Macedonië -- 333 v. Chr. 1. Terwijl de Grieken zich door hun binnenlandsche oorlogen altijd meer verzwakten, kwam er hoog uit het Noorden een zwaar onweder op hen aanzetten. Daar had zich aan de grens van Griekenland uit een zeer -kleinen oorsprong het koninkrijk Macedonië gevormd, dat onder Philips II +kleinen oorsprong het koninkrijk Macedonië gevormd, dat onder Philips II belangrijke macht verkreeg. Deze werkzame en sluwe vorst, die in Thebe bij Epaminondas opgevoed was, kende de Grieksche omstandigheden zoo goed, dat hij zich spoedig de opperheerschappij in Griekenland verwierf. Vergeefs had de beroemde redenaar +Demosthenes+ te Athene op het gevaar -gewezen, dat van Macedonië dreigde; de Grieken streden te laat: Philips +gewezen, dat van Macedonië dreigde; de Grieken streden te laat: Philips was overwinnaar; hij behandelde echter de overwonnenen met veel verschooning en liet hun veel vrijheid. Hij bracht het zoover, dat de Grieken hem in een tocht tegen de Perzen wilden vergezellen en reeds @@ -1695,7 +1665,7 @@ om en zeide: "Als ik niet Alexander was, zou ik wel Diogenes willen zijn." -3. Toen Alexander met een klein, maar wel toegerust leger naar Azië +3. Toen Alexander met een klein, maar wel toegerust leger naar Azië ging, om de Perzen te beoorlogen, zocht hij de plaatsen op, waar hij zoo dikwijls in den geest vertoefd had, als hij de gedichten van Homerus las. Op het slagveld van Troje tooide hij het gedenkteeken van Achilles @@ -1703,26 +1673,26 @@ en wenschte niets meer, dan dat eens een dichter als Homerus ook zijne daden verheerlijken mocht. Toen voerde hij zijn leger oostwaarts naar de nabijzijnde rivier +Granikus+. Daar wachtte hem een machtig Perzisch leger. Zonder toeven leverde Alexander met zijne manschappen een slag, -die hem tot heer van Klein-Azië maakte. Spoedig daarop stiet hij op een +die hem tot heer van Klein-Azië maakte. Spoedig daarop stiet hij op een tweede leger der Perzen, dat door hun koning Darius Kodomannus zelf werd aangevoerd. Deze werd echter zoo geslagen bij Issus 333, dat hij ijlings vluchtte en zijne familie in handen van den overwinnaar liet, die haar echter vriendelijk behandelde. -Hierop trok Alexander door Syrië en Phoenicië, waar de eene stad na de +Hierop trok Alexander door Syrië en Phoenicië, waar de eene stad na de andere zich overgaf. Alleen Nieuw-Tyrus bood tegenstand en werd daarom aan de verwoesting prijs gegeven. Op zijn verderen tocht kwam Alexander ook naar Jeruzalem. Hier ontvingen hem de voornaamste Joden met den hoogepriester aan het hoofd, en leidden hem ook in den tempel. De Egyptenaren, die de Perzische heerschappij lang gedragen en gehaat hadden (blz. 13), ontvingen Alexander vriendelijk, en kregen daarvoor -groote gunstbewijzen. Zoo stichtte hij Alexandrië (blz. 6). +groote gunstbewijzen. Zoo stichtte hij Alexandrië (blz. 6). -Door nieuwe krijgsvolken versterkt, ging Alexander naar Azië terug, om +Door nieuwe krijgsvolken versterkt, ging Alexander naar Azië terug, om nogmaals de Perzen te bestrijden. Darius bood eene schikking aan, maar Alexander wilde alleenheerscher zijn. Toen kwam het bij +Gaugamela+ en +Arbela+ tot een geduchten slag, waarin de Perzen volkomen geslagen -werden. Darius vluchtte en werd door Alexander vervolgd. Vóór deze hem +werden. Darius vluchtte en werd door Alexander vervolgd. Vóór deze hem echter bereikte, was Darius op last van een Perzischen satraap gedood. Deze daad werd door Alexander streng gestraft, terwijl hij het lijk van Darius in de koninklijke groeve te Persepolis plechtig liet bijzetten. @@ -1732,26 +1702,26 @@ rijk der Perzen geworden door de inname der verschillende hoofdsteden Babylon, Susa, Persepolis en Ecbatana. De eerstvolgende jaren werden besteed aan het onderwerpen van al de oostelijke deelen van het Perzische rijk, de uitgestrekte landen tusschen het eigenlijke -Medo-Perzië en den Indus, en daarop drong men tot +Indië+ door. +Medo-Perzië en den Indus, en daarop drong men tot +Indië+ door. 4. Dit door de natuur zoo rijk begiftigde land had wel reeds veel van zich doen spreken, maar toch was de kennis er van nog zeer gering. De -Indiërs hadden reeds vroeg eene hooge mate van ontwikkeling bereikt, +Indiërs hadden reeds vroeg eene hooge mate van ontwikkeling bereikt, zooals blijkt uit hunne heilige taal, het Sanskriet, de oudste zuster aller Indo-Germaansche talen, tevens de sleutel tot hare studie. Zij hadden vele instellingen gelijk de Egyptenaren, vooral die der kasten. Hunne priesters heetten +Braminen+ of +Brahmanen+. Dezen werd zoo groote eerbied bewezen, dat de koning geen Brahmaan, al had hij de grootste misdaden bedreven, mocht laten ter dood brengen. Hunne heilige boeken, -Vedas (d. i. Weten) genaamd, zijn in 't Sanskriet geschreven. Hunne +Vedas (d. i. Weten) genaamd, zijn in 't Sanskriet geschreven. Hunne hoofdgodheid was +Brahma+, de schepper, die met +Vishnoe+, den -onderhouder, en +Civa+, den verdelger, eene drieëenheid vormde, waarvan +onderhouder, en +Civa+, den verdelger, eene drieëenheid vormde, waarvan echter eerst in den lateren tijd gesproken wordt. Een hoofddenkbeeld hunner leer was de onsterfelijkheid der ziel. De zielsverhuizing was een toestand, waarin de boozen na hun dood tijdelijk verkeerden. Het tegenovergestelde van onsterfelijkheid leerde het +Boeddhisme+, een -godsdienst, die omstreeks 600 of 500 v. C. in Vóór-Indië ontstond, en +godsdienst, die omstreeks 600 of 500 v. C. in Vóór-Indië ontstond, en genoemd is naar den stichter. Deze, een koningszoon, had zich, na eenigen tijd van weelderig leven, jaren lang aan de eenzaamheid en het nadenken gewijd en was toen tot de meening gekomen, dat er voor den @@ -1761,36 +1731,36 @@ van elks wenschen en streven zijn. Die zaligheid kon men verwerven door de beoefening van een aantal deugden. Zijne aanhangers noemden hem den wijzen, +Boeddha+. Hij maakte de grenslijnen tusschen de eerste kaste en de drie andere, die der krijgers, handelaars en werklieden -veel minder scherp dan het brahmaïsme. Hierom reeds, en vooral om de +veel minder scherp dan het brahmaïsme. Hierom reeds, en vooral om de tegenovergestelde meening ten aanzien van het al of niet sterfelijke der ziel bestonden de twee godsdiensten volstrekt niet, zooals velen meenen, eendrachtig naast elkander, maar stonden integendeel hevig vijandig tegenover elkander. De onderlinge haat voerde tot hevige oorlogen, van de 3de tot de 7de eeuw onzer jaartelling, ten gevolge waarvan het -boeddhisme uit Indië zoo goed als geheel verdrongen werd. Maar het had -een uitgebreiden aanhang gevonden in China, Japan e. a. l., en breidde +boeddhisme uit Indië zoo goed als geheel verdrongen werd. Maar het had +een uitgebreiden aanhang gevonden in China, Japan e. a. l., en breidde zich voortdurend zoo uit, dat het tegenwoordig 500 millioen belijders telt. -Verder dan den noordwestelijken hoek van Vóór-Indië is Alexander met +Verder dan den noordwestelijken hoek van Vóór-Indië is Alexander met zijne troepen niet geweest. In dien hoek ontstaat de Indus uit de samenvloeiing van vijf rivieren, waarnaar de landstreek Pendsjab, het vijfstroomenland, heet. Bij een van de oostelijkste dier rivieren, de -Hyphasis, sloegen zijne Macedoniërs aan het morren en verklaarden, +Hyphasis, sloegen zijne Macedoniërs aan het morren en verklaarden, niettegenstaande alle verzoeken en bedreigingen, niet verder te willen trekken. Zoo was Alexander genoodzaakt, zijne plannen ten aanzien van -Indië op te geven en terug te keeren. Een groot deel van het leger +Indië op te geven en terug te keeren. Een groot deel van het leger zeilde onder den bekwamen Nearchus den Indus af en over de kustenzee naar den mond van Tiger en Eufraat, terwijl Alexander met het andere -deel langs den Indus naar het zuiden trok, en vervolgens over Gedrosië +deel langs den Indus naar het zuiden trok, en vervolgens over Gedrosië enz. terugkeerde naar Babylon. 5. Hier rustend, wilde de beheerscher van het grootste rijk, dat de -wereld ooit aanschouwd had, alle onderworpene volken tot één groot +wereld ooit aanschouwd had, alle onderworpene volken tot één groot geheel samensmelten en uit de oude hoofdstad aan den Eufraat den ganschen staat besturen, waartoe hij de Perzische indeeling in -satrapieën had overgenomen. Om de harten zijner nieuwe onderdanen te +satrapieën had overgenomen. Om de harten zijner nieuwe onderdanen te winnen, leefde hij geheel naar Perzisch gebruik. Daarbij werd hij, als een Perzisch grootmachtig koning, dikwijls overmoedig en wreed. Zijne vleiers verhieven hem ten hemel, zonder dat iemand daartegen iets durfde @@ -1799,38 +1769,38 @@ Granicus Alexanders leven gered had, geschiedde, werd Alexander zoo door toorn overweldigd, dat hij eene lans greep en zijn ouden vriend doorboorde. Hierop ontnuchterd, want het feit was gepleegd op eene partij, waar men te veel aan god Bacchus had geofferd, betreurde de -koning zijne daad ten zeerste. Vóórdat hij de beoogde eenheid in het +koning zijne daad ten zeerste. Vóórdat hij de beoogde eenheid in het groote wereldrijk had kunnen tot stand brengen, nam een hevige koorts, die hij zich door inspanningen en zwelgerijen op den hals gehaald had, hem weg, 10 jaar na 't feit bij Issus, nauwelijks 33 jaar oud. Nu was het onder de grootwaardigheidsbekleeders een algemeen streven van den een om in Alexanders plaats te treden, van den ander om zich onafhankelijk te maken. Het meest traden de satrapen in 't westen op den -voorgrond, als die van Macedonië, Lysimachus van Thracië, Ptolemaeus van -Egypte, Seleucus van Syrië, vooral Antigonus van Phrygië, die over de +voorgrond, als die van Macedonië, Lysimachus van Thracië, Ptolemaeus van +Egypte, Seleucus van Syrië, vooral Antigonus van Phrygië, die over de anderen wilde heerschen. Daarom verbonden dezen zich tegen hem en in 301 werd hij bij Ipsus[3] in zijn eigen land geslagen. Hij stierf en zijne -landen werden verdeeld tusschen Thracië en Syrië. Twintig jaar later +landen werden verdeeld tusschen Thracië en Syrië. Twintig jaar later werd Lysimachus eveneens verslagen door Seleucus, die de Aziatische -landen van zijn overwonneling annexeerde, terwijl Thracië zelf bij -Macedonië kwam. Zoo waren er dus nu van Alexanders wereldrijk in elk der +landen van zijn overwonneling annexeerde, terwijl Thracië zelf bij +Macedonië kwam. Zoo waren er dus nu van Alexanders wereldrijk in elk der drie werelddeelen hoofdzakelijk even zooveel groote staten overgebleven, -want de Grieksche landen stonden in betrekking tot Macedonië, al vormden +want de Grieksche landen stonden in betrekking tot Macedonië, al vormden de deelen van Hellas het Aetolisch, die van den Peloponnesus het -Achaeïsch verbond. +Achaeïsch verbond. [3] Vooral niet te verwarren met Issus blz. 61. Van het Syrische rijk, dat zich uitstrekte van de Aegaeische zee tot aan den Indus, scheidden zich achtereenvolgens verschillende deelen af, als -Pergamus, Parthië en Bactrië. Het laatste werd anderhalve eeuw vóór onze +Pergamus, Parthië en Bactrië. Het laatste werd anderhalve eeuw vóór onze jaartelling met het voorlaatste vereenigd, en machtig werd het rijk der Parthen, tusschen Tiger en Indus. Daar het eerst in 't midden der 7de -eeuw onzer jaartelling bezweek voor de Arabische macht, weêrstond het +eeuw onzer jaartelling bezweek voor de Arabische macht, weêrstond het zelfs de machtige heerschappij der Romeinen, in welke overigens alle bovengenoemde staten opgingen, als: het Aetolisch verbond 189, het -Achaeisch 146, twee jaar na Macedonië, Pergamus 133, Syrië 64, Egypte -31 v. C. +Achaeisch 146, twee jaar na Macedonië, Pergamus 133, Syrië 64, Egypte +31 v. C. @@ -1839,8 +1809,8 @@ Achaeisch 146, twee jaar na Macedonië, Pergamus 133, Syrië 64, Egypte 1. De stad +Rome+ ontstond in Latium, midden in het schoone schiereiland -Italië, als noordelijkste stad in dat landschap en misschien ook wel -als vesting tegen de naburige Etruriërs. Het tijdstip van de stichting +Italië, als noordelijkste stad in dat landschap en misschien ook wel +als vesting tegen de naburige Etruriërs. Het tijdstip van de stichting der stad is hoogst onzeker, maar was volgens de legende 753 v. C., met welk jaar hunne tijdrekening aanvangt. Als stichter en eersten koning wordt eveneens door de legende +Romulus+ genoemd, van wien vele sagen @@ -1849,25 +1819,25 @@ gered zijn en met zijn broeder Remus een koning verdreven hebben en dergelijke. Van zijne opvolgers wordt +Numa Pompilius+ geroemd, die evenals de Spartaansche Lycurgus wijze wetten gegeven had. De koningen werden gekozen door eene volksvergadering van aanzienlijken, -+patriciërs+. Behalve dezen spreekt de overlevering nog van vijf ++patriciërs+. Behalve dezen spreekt de overlevering nog van vijf koningen, waarvan de beide laatsten waren +Servius Tullius+ en +Tarquinius Superbus+ d. i. de overmoedige of trotsche. Eerstgenoemde -verdeelde het volk in centuriën, waaruit later eene nieuwe +verdeelde het volk in centuriën, waaruit later eene nieuwe volksvergadering ontstond, laatstgenoemde maakte zich wreed en -willekeurig van den troon meester, en verbitterde de patriciërs tegen +willekeurig van den troon meester, en verbitterde de patriciërs tegen zich. Het gevolg was, dat dezen hem verdreven 509. Daarop werd het koningschap afgeschaft, en een republiek ingesteld. De vergadering der -centuriën werd de zetel van 't hoogste gezag; daar werd over oorlog en +centuriën werd de zetel van 't hoogste gezag; daar werd over oorlog en vrede, evenals over hooge aangelegenheden, beslist; daar werden uit de -patriciërs de +consuls+ benoemd. Dit waren de hoogste staatsambtenaren, -ten getale van twee, voor één jaar gekozen. Zij werden bijgestaan door +patriciërs de +consuls+ benoemd. Dit waren de hoogste staatsambtenaren, +ten getale van twee, voor één jaar gekozen. Zij werden bijgestaan door eene raadgevende vergadering, de +senaat+, van 300 patricische leden, die ook aandeel aan 't uitvoerend bewind had. Was b. v. door de -vergadering der centuriën tot oorlog besloten, dan regelde de senaat +vergadering der centuriën tot oorlog besloten, dan regelde de senaat het plan voor den veldtocht, benoemde de officieren van hoogeren en lageren rang, en dergelijke. In den eersten tijd had de lagere volksklasse, de +plebejers+, geen aandeel aan 't bewind. Eerst -langzamerhand hebben zij zich gelijke rechten als de patriciërs +langzamerhand hebben zij zich gelijke rechten als de patriciërs verworven. Het eerste daarvan was verdedigers, volkstribunen, te hebben -- 494, een der belangrijkste, dat een der beide consuls uit hunne klasse moest zijn -- 367, en het meest omvattende, dat de @@ -1887,50 +1857,50 @@ dichtkunst en de godsdienst ontwikkelde. Bij de openbare schouwspelen werden dikwijls dierenjachten opgevoerd, die afschuwelijk waren. -2. Van de overige volken van midden-Italië traden vooral de Etruriërs +2. Van de overige volken van midden-Italië traden vooral de Etruriërs of +Etruscen+ op den voorgrond. Zij onderscheidden zich door kunstvaardigheid, daar zij eigenaardige bouw- en beeldwerken vervaardigden, vooral in leem, die nog heden de bewondering opwekken. De zuidelijkste stad in hun uitgestrekt landschap was Veji, dat aan den rechteroever van den Tiber lag. Daar de Romeinen sedert oude tijden met deze stad in vijandschap leefden, belegerden zij haar omstreeks 400, en -rustten niet vóór zij ze veroverden. In dezen strijd, die 10 jaar zou +rustten niet vóór zij ze veroverden. In dezen strijd, die 10 jaar zou geduurd hebben, onderscheidde zich de veldheer Camillus, die een grooten triomftocht in Rome hield. Maar toen hij belasterd werd en de volksgunst verloor, ging hij vrijwillig in ballingschap, waaruit hij echter spoedig teruggeroepen werd. -De +Galliërs+, uit het tegenwoordige Frankrijk stammend, hadden zich in -opper-Italië gevestigd, van waar zij later naar het zuiden voortdrongen +De +Galliërs+, uit het tegenwoordige Frankrijk stammend, hadden zich in +opper-Italië gevestigd, van waar zij later naar het zuiden voortdrongen en algemeenen schrik verwekten. De Romeinen zonden daarop een gezantschap aan den Gallischen aanvoerder +Brennus+, en lieten hem vragen, met welk recht hij in 't gebied van vrije mannen viel. Toen antwoordde de trotsche man: "Het recht rust op de spits van onze zwaarden; aan de dapperen behoort de wereld." Over zoodanig antwoord verontrust, verhieven de Romeinen zich tot den strijd. Zij werden echter -geslagen, 390, en de Galliërs togen naar Rome. Hier vonden zij eene +geslagen, 390, en de Galliërs togen naar Rome. Hier vonden zij eene ledige stad, want de Romeinen waren deels in naburige plaatsen, deels op den burg der stad, het kapitool, gevloden. Slechts tachtig oude -senatoren waren achtergebleven. Dezen werden door de Galliërs verslagen +senatoren waren achtergebleven. Dezen werden door de Galliërs verslagen en de geheele stad verwoest. Na eene vergeefsche bestorming van het kapitool liet Brennus het insluiten om het uit te hongeren. Gedurende dezen tijd zouden de -Galliërs eens bijna den burg bestegen hebben. Maar toen hieven, zoo +Galliërs eens bijna den burg bestegen hebben. Maar toen hieven, zoo verhaalt men, de ganzen, die op het kapitool gehouden werden ter eere der godin Juno, zulk een gesnater aan, dat de Romeinen ontwaakten en de vijanden verdreven. Nadat de belegering reeds zeven maanden geduurd had, -begon men te onderhandelen. De Galliërs waren daartoe genegen, omdat zij +begon men te onderhandelen. De Galliërs waren daartoe genegen, omdat zij van buiten aangevallen werden, vooral door Camillus, die zijne vaderstad -weêr in den nood bijstond. Brennus beloofde, het land te ontruimen, als +weêr in den nood bijstond. Brennus beloofde, het land te ontruimen, als hij 1000 pond goud kreeg. Het werd bewilligd. Bij het afwegen gebruikten -de Galliërs echter valsche gewichten, en toen de Romeinen zich daarover +de Galliërs echter valsche gewichten, en toen de Romeinen zich daarover beklaagden, wierp Brennus nog zijn geducht zwaard in de schaal en riep honend: "Wee den overwonnelingen!" In dit oogenblik verscheen echter Camillus met zijn leger, verklaarde echter het verdrag met Brennus voor -ongeldig, en begon een strijd, waarbij de Galliërs geslagen werden. +ongeldig, en begon een strijd, waarbij de Galliërs geslagen werden. -Toen de Romeinen hunne oude stad niet weêr wilden opbouwen, drong +Toen de Romeinen hunne oude stad niet weêr wilden opbouwen, drong Camillus er op aan, dat niemand zou uitwijken, en zoo verrees spoedig een nieuw Rome uit het puin, als een phoenix uit zijn asch. De dankbare Romeinen noemden Camillus den tweeden Romulus, den redder en vader des @@ -1943,18 +1913,18 @@ vaderlands. 1. Nog hadden de Romeinen een geduchten nabuur te bestrijden, de -+Samnieten+, in Samnium, oostelijk van Etrurië. In den tweeden oorlog -tegen hen leden zij eene even geduchte nederlaag als de Galliërs hun ++Samnieten+, in Samnium, oostelijk van Etrurië. In den tweeden oorlog +tegen hen leden zij eene even geduchte nederlaag als de Galliërs hun 70 jaar vroeger hadden toegebracht; het Romeinsche leger moest de vernedering lijden van onder 't vijandelijk juk door te gaan. Maar weldra herstelde zich Rome en 30 jaar later was Samnium geheel -onderworpen, en daarmeê geheel Midden-Italië. Nu richtten zij hunne -blikken begeerig naar Beneden-Italië of Groot-Griekenland, waar zich +onderworpen, en daarmeê geheel Midden-Italië. Nu richtten zij hunne +blikken begeerig naar Beneden-Italië of Groot-Griekenland, waar zich spoedig eene gelegenheid tot strijden aanbood. De machtige stad Tarente had Romeinsche schepen den toegang tot haar haven geweigerd, wat zeer gegrond was. Toen nu de Romeinen, die strijd zochten, den oorlog begonnen, riepen de Tarentijnen +Pyrrhus+, koning van +Epirus+, bij -Macedonië, te hulp. Deze vorst had zich Alexander tot voorbeeld gesteld +Macedonië, te hulp. Deze vorst had zich Alexander tot voorbeeld gesteld en was een voortreffelijk veldheer met een wel toegerust leger. Hij hielp de bevriende Grieken gaarne en verscheen ras met 25000 man, waarbij nog 20 afgerichte olifanten kwamen, die houten torentjes met @@ -1974,16 +1944,16 @@ aan, maar te vergeefs. Fabricius verklaarde: "Ik behoef geen geld. Mijn geluk bestaat in de achting mijner medeburgers." Den volgenden morgen wilde de koning de onverschrokkenheid van Fabricius op de proef stellen. Hij liet achter het gordijn zijner tent een olifant plaatsen, en zorgde, -dat Fabricius vlak daarvóór zat. Toen het gesprek afgeloopen was, vloog +dat Fabricius vlak daarvóór zat. Toen het gesprek afgeloopen was, vloog het gordijn in de hoogte, en de olifant strekte brullend zijn snuit over Fabricius uit. Deze bleef echter heel rustig en zeide lachend tot Pyrrhus: "Even weinig als gisteren uw geld mij bekoorde, even weinig verschrikt mij heden uw olifant. Wij zullen niet over den vrede -onderhandelen, vóór gij Italië ontruimd hebt." +onderhandelen, vóór gij Italië ontruimd hebt." In het volgende jaar kwam het nogmaals tot een treffen, waarbij de -Romeinen weêr het onderspit dolven, maar Pyrrhus zooveel man verloor, -dat hij zou hebben uitgeroepen: "Nog één zoodanige zegepraal, en ik +Romeinen weêr het onderspit dolven, maar Pyrrhus zooveel man verloor, +dat hij zou hebben uitgeroepen: "Nog één zoodanige zegepraal, en ik ben verloren." Nu kreeg Fabricius het opperbevel bij de Romeinen, en betoonde zich op nieuw als een man van eer. Hij kreeg een brief van Pyrrhus' lijfarts, waarin deze aanbood tegen eene belooning zijn koning @@ -1997,8 +1967,8 @@ Romeinen zonder losgeld terug, terwijl hij bij herhaling den vrede aanbood. Maar de Romeinen zonden voor de uitgeleverde gevangenen even zoo veel Grieken terug en lieten zich tot geene vredesonderhandeling in. -Daarop trok Pyrrhus naar Sicilië, waar hij met geluk tegen de Karthagers -streed. Naar Beneden-Italië teruggekeerd, raakte hij nogmaals met de +Daarop trok Pyrrhus naar Sicilië, waar hij met geluk tegen de Karthagers +streed. Naar Beneden-Italië teruggekeerd, raakte hij nogmaals met de Romeinen slaags, die hem nu overwonnen. Zij hadden namelijk bedacht, de olifanten van Pyrrhus door pektoortsen en geschreeuw in verwarring te brengen, en dat was voor het leger der Grieken verderfelijk. Pyrrhus @@ -2017,24 +1987,24 @@ zeden kennen. 1. De rijkdom en macht van Karthago (blz. 25 en 26) maakte de ijverzucht der Romeinen gaande, welke spoedig tot den krijg leidde. Daar de -Romeinen deze hunne vijanden Puniërs, d. i. Phoeniciërs noemden, worden +Romeinen deze hunne vijanden Puniërs, d. i. Phoeniciërs noemden, worden hunne oorlogen met de Karthagers als de +Punische+ aangeduid. Nog nooit hadden de Romeinen anders dan te land gestreden, maar naar 't model van een gestrand Karthaagsch schip worden schepen gebouwd, door middel van enterbruggen de zeestrijd als in een landoorlog veranderd, 't grootste -gedeelte van 't Karthaagsch gebied op Sicilië veroverd, en de eerste +gedeelte van 't Karthaagsch gebied op Sicilië veroverd, en de eerste overwinning ter zee behaald 260. Nu wil de consul +Regulus+ den vijand in diens eigen gebied bestoken, maar wordt geslagen en gevangen. Sedert -blijft de strijd weêr beperkt tot de zee en Sicilië, waar de Karthagers +blijft de strijd weêr beperkt tot de zee en Sicilië, waar de Karthagers nog een paar onneembare vestingen hadden. Maar de vredespartij in Karthago stond ook deze liever af dan den strijd voort te zetten. In 240 eindigde de eerste Punische oorlog; de Karthagers ontruimden hun gebied -op Sicilië, dat het eerste Romeinsche wingewest (provincie) wordt. -Weldra verkrijgt Rome nu ook Sardinië, Corsica, Illyrië gedeeltelijk -en Cisalpijnsch Gallië. Maar ook Karthago zat niet stil; daar had eene +op Sicilië, dat het eerste Romeinsche wingewest (provincie) wordt. +Weldra verkrijgt Rome nu ook Sardinië, Corsica, Illyrië gedeeltelijk +en Cisalpijnsch Gallië. Maar ook Karthago zat niet stil; daar had eene andere partij dan de bovengenoemde doorgezet schadevergoeding te zoeken in Spanje, waar dan ook Hamilcar Barcas veel meer dan de helft van het -land veroverde. Zijn zoon +Hannibal+ had hij reeds als knaap meêgenomen +land veroverde. Zijn zoon +Hannibal+ had hij reeds als knaap meêgenomen naar Spanje en een eeuwigen haat tegen de Romeinen doen zweren. En zeker is nooit eenige eed ter wereld trouwer nagekomen dan deze. Toen de zoon, eenigen tijd na 's vaders dood, het opperbevel kreeg, tastte hij @@ -2046,26 +2016,26 @@ verloren. 2. Nu eischte Rome van Karthago de uitlevering van Hannibal, en toen hieraan niet werd voldaan, wilde men hem in Spanje gaan beoorlogen en stak daartoe over zee. Hij wachtte hen echter niet af, maar waagde -den stouten tocht over de Pyreneën, door Zuid-oost-Gallië en over de +den stouten tocht over de Pyreneën, door Zuid-oost-Gallië en over de Alpen. Geen wonder dat men den tweeden Punischen krijg naar hem den Hannibalsoorlog (218-201) noemt. De Romeinen konden en wilden niet gelooven, dat een tocht van Hannibal over de Alpen mogelijk geweest was. Zij zagen het echter spoedig en rustten zich toe zoo goed zij -konden. Hannibal had zich door een bondgenootschap met de Galliërs in -Opper-Italië versterkt en sloeg de Romeinsche legers driemaal achter -elkander, steeds dieper in Italië doordringend. Toen vreesde Rome, dat +konden. Hannibal had zich door een bondgenootschap met de Galliërs in +Opper-Italië versterkt en sloeg de Romeinsche legers driemaal achter +elkander, steeds dieper in Italië doordringend. Toen vreesde Rome, dat Hannibal voor de poorten zou verschijnen en de stad belegeren. Maar -hij trok Rome voorbij naar Apulië, en bracht daar den Romeinen bij -Cannae weêr zulk eene hevige nederlaag toe, als zij nog maar tweemaal, +hij trok Rome voorbij naar Apulië, en bracht daar den Romeinen bij +Cannae weêr zulk eene hevige nederlaag toe, als zij nog maar tweemaal, laatstelijk ruim een eeuw geleden, ondergaan hadden. Een groot deel van -Zuid-Italië, Macedonië en Syracuse werden zijne bondgenooten. +Zuid-Italië, Macedonië en Syracuse werden zijne bondgenooten. Maar uit Karthago kreeg hij geen troepen en krijgsvoorraad genoeg, dat was te kostbaar voor de vredespartij, en zijne oude troepen verslapten door een te weelderig leven. Rome daarentegen spande zijne beste -krachten in en waagde een stouten slag. Terwijl zij Macedonië door +krachten in en waagde een stouten slag. Terwijl zij Macedonië door de Grieken lieten bezig houden, vermeden zij beslissende slagen in -Zuid-Italië, en gingen Syracuse zelf belegeren. Zij besteedden daaraan +Zuid-Italië, en gingen Syracuse zelf belegeren. Zij besteedden daaraan 3 jaren. In die stad leefde de beroemde wiskundige Archimedes, die de verdediging tegen de Romeinen krachtig ondersteunde, daar hij machines vervaardigde, waardoor steenen en vuurkogels geslingerd werden en @@ -2078,13 +2048,13 @@ soldaat binnen, die den grooten man niet kende. "O, veeg mijne cirkels niet uit!" riep Archimedes den krijgsman toe. Maar deze versloeg hem. -3. Na den val der stad hadden de Romeinen geheel Sicilië in handen, en +3. Na den val der stad hadden de Romeinen geheel Sicilië in handen, en konden nu hunne volle kracht tegen Karthago zelf richten. Reeds waren zij het in Spanje gaan bestrijden, en van nu af werd dit door +Scipio+ met zoo goed gevolg voortgezet, dat weldra bijna dat gansche schiereiland tot Romeinsche provincie (wingewest) werd. Hannibals jongere broeder, die daar als bevelhebber was gebleven, had op zijn -broeders roepstem diens voetspoor gevolgd om hem in Zuid-Italië te gaan +broeders roepstem diens voetspoor gevolgd om hem in Zuid-Italië te gaan bijstaan, maar was onderweg door de Romeinen geslagen en met zijn leger vernield. Toen Hannibal dit vernam en het doodshoofd van zijn broeder aanschouwde, riep hij weenend uit: "Wee, nu zie ik het lot van Karthago @@ -2092,21 +2062,21 @@ naderen!" En het naderde inderdaad, snel en zeker. Want de Romeinsche senaat had Scipio, wiens taak in Spanje zoo schitterend voltooid was, tot proconsul -van Sicilië benoemd. En deze bestond op nieuw, wat een halve eeuw te +van Sicilië benoemd. En deze bestond op nieuw, wat een halve eeuw te voren aan Regulus mislukt was, den oorlog naar Afrika over te brengen, -en dat, terwijl Hannibal nog in Zuid-Italië gelegerd was. Te laat zagen +en dat, terwijl Hannibal nog in Zuid-Italië gelegerd was. Te laat zagen de Karthagers hunne tweede groote fout in, die van dezen grooten man niet naar behooren gesteund te hebben. Men zocht hem aan tot de leiding der verdediging van het vaderland, voor welks belang hij 36 jaar buiten -af, de laatste 16 in Italië gekampt had, te weinig gesteund. En hij +af, de laatste 16 in Italië gekampt had, te weinig gesteund. En hij verloochende de liefde voor Karthago, den haat tegen Rome niet. Bij Zama, vijf dagreizen van Karthago, stiet hij op het Romeinsche leger. De groote beteekenis daarvan werd door Hannibal dadelijk begrepen, zoodat hij besloot, met Scipio te onderhandelen. Op een heuvel tusschen de -beide legerplaatsen ontmoetten elkaâr de beide grootste veldheeren +beide legerplaatsen ontmoetten elkaâr de beide grootste veldheeren van hun tijd. Eene wijl stonden zij zwijgend tegenover elkander, Scipio in den bloei des levens en in den zonneglans van het geluk, Hannibal -reeds verouderend en door tegenspoed ter neêr gedrukt. Toen ried +reeds verouderend en door tegenspoed ter neêr gedrukt. Toen ried Hannibal tot den vrede, terwijl hij zijn tegenstander aan de mogelijke wisseling van het geluk herinnerde, en bood hem als prijs van den vrede den afstand van Spanje en alle eilanden in de Middellandsche zee. Scipio @@ -2132,18 +2102,18 @@ verwekte. Toen dit den Romeinen bekend werd, eischten zij van de Karthagers de uitlevering van Hannibal, en dezen bleef niets over, dan zijn vaderland te verlaten. Hij begaf zich naar Antiochus, die echter ook door de Romeinen overwonnen werd (190), en Hannibal moest naar -Klein-Azië vluchten. Maar ook daar vonden hem zijne onverzoenlijke +Klein-Azië vluchten. Maar ook daar vonden hem zijne onverzoenlijke vijanden. Toen Hannibal zag, dat hij niet meer ontvluchten kon, nam hij vergif, dat hij reeds lang bij zich gedragen had, en stierf in den leeftijd van 64 jaren. Zoo was het uiteinde van een der grootste -veldheeren der oudheid. Gelijk de Romeinen op Syrië overwonnen, zoo -straften zij ook Macedonië voor zijn verbond met Hannibal na den slag +veldheeren der oudheid. Gelijk de Romeinen op Syrië overwonnen, zoo +straften zij ook Macedonië voor zijn verbond met Hannibal na den slag bij Cannae (blz. 74). Herhaaldelijk geslagen, kwam het land eerst onder -Romeinschen invloed, en werd vervolgens, evenals Illyrië en Epirus, als +Romeinschen invloed, en werd vervolgens, evenals Illyrië en Epirus, als wingewest ingelijfd. -5. Even vóórdat dit voltooid was, had men den derden Punischen oorlog +5. Even vóórdat dit voltooid was, had men den derden Punischen oorlog aangevangen (149). Want de Romeinen vreesden Karthago, ook na zijn diepen val. Een oud raadsheer, Cato, sloot elke rede die hij in den senaat hield, met de woorden: "Overigens ben ik van meening, dat @@ -2170,9 +2140,9 @@ ook tegen de puinhoopen nog woedde de Romeinsche haat. Eene diepe voor werd gegraven en hierin zout gestrooid, als teeken van onvruchtbaarheid, waartoe men de plek doemde, terwijl het geheele gebied onder den naam Afrika Romeinsch wingewest werd 146. In hetzelfde jaar verwoestten de -Romeinen ook de fraaie stad Korinthe, en maakten daarmeê Griekenland, +Romeinen ook de fraaie stad Korinthe, en maakten daarmeê Griekenland, waarvan zij het deel Hellas of het Aetolisch verbond (de Peloponnesus -vormde het Achaeïsch verbond) reeds ingelijfd hadden, geheel tot +vormde het Achaeïsch verbond) reeds ingelijfd hadden, geheel tot Romeinsche provincie. Vele Grieken kwamen toen gedwongen of vrijwillig naar Rome en brachten hun barbaarschen overwinnaars de fijne helleensche beschaving mede, die thans nog meer bewonderd wordt dan alle krijgsdaden @@ -2189,7 +2159,7 @@ der Romeinen. 18. De Gracchen. -1. In Rome was langzamerhand het onderscheid tusschen patriciërs en +1. In Rome was langzamerhand het onderscheid tusschen patriciërs en plebejers verdwenen; er had zich echter een nieuwe soort van adel gevormd, die bestond uit de personen, die tot hooge ambten gekomen waren. Deze lieden hadden ook het grootste gedeelte der veroverde @@ -2198,7 +2168,7 @@ behoorden, daar zij door de legers aan de vreemde volken ontnomen waren. Terwijl zoo de voornamen in rijkdom zwelgden, leefden de lagere volksklassen in den grootsten nood. Zulk een treurige toestand maakte de opmerkzaamheid gaande vooral van twee mannen, die tot de voornaamste -familiën behoorden. Het waren de beide broeders +Tiberius+ en +Cajus +familiën behoorden. Het waren de beide broeders +Tiberius+ en +Cajus Gracchus+. Hunne moeder +Cornelia+, eene dochter van Scipio, den overwinnaar van Zama, was eene der beste vrouwen die Rome ooit zag. Zij liet hare zonen door de voortreffelijkste leeraars onderwijzen en wendde @@ -2208,31 +2178,31 @@ werden en men Cornelia naar hare schatten vroeg, riep zij hare beide zonen en zeide: "Hier zijn mijne eenige en grootste schatten!" De broeders ontwikkelden zich verschillend, maar kwamen eindelijk op -ééne zelfde baan. Tiberius trad het eerst in 't openbaar op. Hij werd -tot volkstribuun, d. i. tot verdediger der volksrechten (blz. 67) +ééne zelfde baan. Tiberius trad het eerst in 't openbaar op. Hij werd +tot volkstribuun, d. i. tot verdediger der volksrechten (blz. 67) gekozen, en bewerkte, dat het volk zooveel mogelijk aandeel aan de groote staatsgoederen kreeg. In het jaar 133 bracht hij eene meer dan twee eeuwen oude, maar in onbruik geraakte akkerwet in werking, volgens welke geen burger meer dan 500 morgen staatslanderijen bezitten mocht en -al het overige aan de arme familiën verdeeld moest worden. Het dankbare +al het overige aan de arme familiën verdeeld moest worden. Het dankbare volk wilde hem herkiezen, maar de edelen (nobiles) of senaatspartij, ook wel optimaten geheeten, waren zoo verbolgen, dat zij geweld gebruikten en hem met 300 burgers vermoordden. Daar zij den jongeren broeder, Cajus, vreesden, zochten zij hem te verwijderen door hem een ambt in -Sardinië te geven. Dit hielp echter niet lang. +Sardinië te geven. Dit hielp echter niet lang. 2. Cajus was een trotsch man van een heftig gemoed, en besloot het werk zijns broeders te voltooien, hoewel zijne moeder hem gewaarschuwd had. De nood des volks, dien hij diep doorzag, liet hem geen rust. Als hij sprak, waren zijne stem en gebaren zoo machtig, dat hij allen roerde. -Als tribuun was hij werkzamer dan iemand vóór hem. Behalve de akkerwet +Als tribuun was hij werkzamer dan iemand vóór hem. Behalve de akkerwet bracht hij nog andere wetten tot stand, waardoor het volk macht en -voordeel kreeg. In Italië liet hij groote en prachtige landwegen +voordeel kreeg. In Italië liet hij groote en prachtige landwegen aanleggen; in de veroverde landen stichtte hij nieuwe plaatsen, opdat de arme burgers zich daar konden vestigen en den grond bebouwen. Terwijl Cajus zich eens op een reis naar Afrika bevond tot stichting eener stad, -zetten de rijken al hunne macht in beweging, dat Cajus niet weêr tot +zetten de rijken al hunne macht in beweging, dat Cajus niet weêr tot tribuun gekozen zou worden. Zij deelden geld uit, deden veel ten gevalle van het volk, en verzekerden daarbij, dat zij het welzijn van het volk betrachtten, maar Cajus zich tot tyran wilde maken en dat niemand zulks @@ -2263,7 +2233,7 @@ gunst der lagere klassen te winnen. Ook wierf hij voor het eerst een leger uit de armste burgers, waardoor de grond gelegd werd tot de heerschappij der soldaten. Nadat hij den Afrikaanschen koning Jugurtha overwonnen had, voerde hij een hevigen strijd tegen de Cimbren en -Teutonen. De eerste, een der vorsten van Numidië, had zijne medekoningen +Teutonen. De eerste, een der vorsten van Numidië, had zijne medekoningen laten vermoorden, bij 't veroveren van hun gebied de stad Cirta genomen en de geheele mannelijke bevolking er van omgebracht, waaronder een aantal Romeinen waren. Toen de regeering in Rome zich dit aantrok, wist @@ -2273,9 +2243,9 @@ dood de onderliggende, had het hoofd opgestoken, en benoemde uit haar midden Marius tot consul en opperbevelhebber tegen Jugurtha. Ook deze overwon (107) en Jugurtha werd gevangen genomen en stierf te Rome. -Reeds even vóórdat de strijd met Jugurtha was begonnen, waren +Reeds even vóórdat de strijd met Jugurtha was begonnen, waren bovengenoemde Germaansche of Duitsche volksstammen uit het noorden in -de Romeinsche provinciën gevallen. Zij waren van reusachtige grootte, +de Romeinsche provinciën gevallen. Zij waren van reusachtige grootte, in dierenvellen gehuld en vreeselijk om aan te zien. Hunne breede zwaarden en zware strijdkolven werkten inderdaad ontzettend; zelfs den ouden soldaten van Marius kwamen de Duitsche barbaren zoo @@ -2288,7 +2258,7 @@ Teutonen zich van de Cimbren scheidden en alleen marcheerden. Zij werden geheel verslagen, in 't zuid-oosten van het tegenwoordige Frankrijk 102. -Intusschen waren de Cimbren over de Tiroler Alpen in noord-Italië +Intusschen waren de Cimbren over de Tiroler Alpen in noord-Italië gevallen. Zij hadden zich op hunne groote schilden van de ijs- en sneeuwhellingen laten afglijden en toen groote rotsbrokken en boomstammen in de Etsch geworpen, om daarover den tegenovergestelden @@ -2317,7 +2287,7 @@ male consul (86). De aanhangers van den senaat werden met ontzettende wreedheid vervolgd en gedood; Marius zelf stierf binnen weinige weken. Sulla liet in Rome zijne tegenpartij razen, en zette in 't oosten zijne taak voort. Toen hij echter deze glorierijk voltooid had, kwam hij naar -Italië terug, vast besloten de volkspartij uit te roeien. Hij overwon +Italië terug, vast besloten de volkspartij uit te roeien. Hij overwon zijne tegenstanders en woedde nu nog oneindig wreeder dan dezen gedaan hadden. Het aantal der gedooden wordt op 50000 geschat. Nadat hij geheel de macht van den senaat hersteld had, trad hij van het staats-, en @@ -2346,8 +2316,8 @@ zich echter door matigheid in eten en drinken gezond, en versterkte zich weldra door lichamelijke oefeningen zoozeer, dat hij alle bezwaren van den oorlog verdragen kon. -Door ongeëvenaarde eer- en heerschzucht gedreven, verstond hij het toch, -de grooten niet tegen zich in 't harnas te jagen, vóór hij geheel de +Door ongeëvenaarde eer- en heerschzucht gedreven, verstond hij het toch, +de grooten niet tegen zich in 't harnas te jagen, vóór hij geheel de stem des volks gewonnen had. Hij leefde even verkwistend als Alcibiades, maar besteedde wijselijk zijn vermogen ook, om de gunst zijner medeburgers te verwerven. En dit gelukte hem spoedig en zoo, dat hij het @@ -2374,28 +2344,28 @@ overwinningen behaald. Terwijl Sulla de volkspartij in Rome onderdrukte, had Pompejus hetzelfde in Afrika gedaan, vervolgens in Spanje (72). Op de terugkomst van hier bracht hij den strijd tegen de opgestane +slaven+ en +zwaardvechters+ ten einde, wier kracht reeds door Crassus gebroken -was. Daarna bedwong hij de +zeeroovers+, die in Cilicië en Creta +was. Daarna bedwong hij de +zeeroovers+, die in Cilicië en Creta woonden, en maakte laatstgenoemd eiland tot wingewest. Van de andere -krijgstochten van Pompejus is vooral die naar Azië beroemd in den derden +krijgstochten van Pompejus is vooral die naar Azië beroemd in den derden oorlog tegen Mithradates (de tweede had weinig beduid). Nadat Lucullus, de befaamde lekkerbek, dezen vorst op de vlucht had geslagen naar -Armenië, welks koning ook over Syrië heerschte, overwon Pompejus hem bij -den Eufraat, veroverde Syrië en maakte Palestina afhankelijk van Rome +Armenië, welks koning ook over Syrië heerschte, overwon Pompejus hem bij +den Eufraat, veroverde Syrië en maakte Palestina afhankelijk van Rome (64). -- Toen echter de senaat draalde met het goedkeuren van Pompejus' beschikkingen, sloot deze een verbond met Caesar en huwde diens dochter Julia. Daar met Caesar reeds de rijke Crassus verbonden was, zoo was er een driemanschap, triumviraat, ontstaan, waarnaar het Romeinsche volk -zich gemakkelijk voegde. Weldra kreeg Caesar het bestuur in Gallië, -d. w. Noord-Italië en Zuid-Oost-Frankrijk; Pompejus koos Spanje, maar -bleef rustig in Rome zitten; Crassus ging naar Azië. +zich gemakkelijk voegde. Weldra kreeg Caesar het bestuur in Gallië, +d. w. Noord-Italië en Zuid-Oost-Frankrijk; Pompejus koos Spanje, maar +bleef rustig in Rome zitten; Crassus ging naar Azië. -In Gallië betoonde Caesar zich een groot veldheer. Binnen 10 jaren +In Gallië betoonde Caesar zich een groot veldheer. Binnen 10 jaren heeft hij van uit het Zuid-Oosten van het tegenwoordig Frankrijk alle -Gallische volksstammen onderworpen, de Helvetiërs naar hun land terug, +Gallische volksstammen onderworpen, de Helvetiërs naar hun land terug, en de Germanen, onder +Ariovistus+ den Gallen te hulp gekomen, -tengevolge van den slag bij Vesontio (Besançon) 58 over den Rijn -teruggedreven, zelfs het Germaansche land tusschen Gallië en den -beneden-Rijn veroverd en in 52 een algemeenen opstand der Galliërs +tengevolge van den slag bij Vesontio (Besançon) 58 over den Rijn +teruggedreven, zelfs het Germaansche land tusschen Gallië en den +beneden-Rijn veroverd en in 52 een algemeenen opstand der Galliërs gedempt. Maar hij vermeed de duistere wouden van het oude Duitschland. Zelf heeft hij ons zijne veldtochten zeer omstandig en fraai beschreven, gelijk ook den volgenden burgeroorlog. @@ -2405,17 +2375,17 @@ gelijk ook den volgenden burgeroorlog. dood van Crassus in den strijd tegen de Parthen nog angstiger was. Met den senaat in Rome beducht, dat de dappere Caesar met zijn volksaanhang voor hunne heerschappij gevaarlijk kon worden, zonden zij dezen het -bevel, zijn leger af te danken en zijn proconsulaat neêr te leggen. Deed +bevel, zijn leger af te danken en zijn proconsulaat neêr te leggen. Deed hij zulks niet, dan zou hij voor een vijand van 't vaderland verklaard worden. Toen Caesar dit bevel ontvangen had, besloot hij, zich te -verdedigen. Hij sprak met zijne soldaten en brak toen op naar Italië. -Aan de grensrivier van Cisalpijnsch Gallië en eigenlijk Italië gekomen, +verdedigen. Hij sprak met zijne soldaten en brak toen op naar Italië. +Aan de grensrivier van Cisalpijnsch Gallië en eigenlijk Italië gekomen, zeide hij: "De teerling zij geworpen", en marcheerde naar Rome. Pompejus had zich gevleid, dat hij legioenen uit de aarde stampen zou. Hij vluchtte echter met een aantal senaatsleden voor Caesar naar -Griekenland. In korten tijd beheerschte Caesar geheel Italië. Hierop +Griekenland. In korten tijd beheerschte Caesar geheel Italië. Hierop sloeg hij het leger van Pompejus in Spanje en ging toen naar -Griekenland, waar hij zijn tegenstander bij +Pharsalus+ in Thessalië +Griekenland, waar hij zijn tegenstander bij +Pharsalus+ in Thessalië overwon (48). De geslagene Pompejus vluchtte naar Egypte, maar werd hier, alvorens te landen, door lieden van den Egyptischen koning vermoord. Toen Caesar drie dagen later landde, vernam hij met smart @@ -2436,11 +2406,11 @@ ook noemde men den nieuwen kalender, dien Caesar liet vervaardigen, den zetel en het purper vereerd. Nu scheen niets meer te ontbreken dan de koninklijke kroon. En ook deze wilde men bewilligen. Maar het geschiedde anders. Een aantal mannen, verbitterd over de verplaatsing der -heerschappij van den senaat op één persoon, zwoeren heimelijk samen om +heerschappij van den senaat op één persoon, zwoeren heimelijk samen om Caesar te dooden. Aan het hoofd stonden +Brutus+ en +Cassius+. De 15de Maart 44 werd tot Caesars doodsdag bestemd. Er was eene zitting beraamd, die Caesar niettegenstaande alle waarschuwing bijwoonde. Toen werd hij -door de saamgezworenen omringd en neêrgestooten. Door 23 dolksteken +door de saamgezworenen omringd en neêrgestooten. Door 23 dolksteken getroffen, viel Caesar aan den voet van een standbeeld van Pompejus dood ter aarde. @@ -2464,7 +2434,7 @@ burgeroorlog was nabij. 1. Caesar had den kleinzoon zijner zuster[5], +Octavianus+, tot zijn -hoofderfgenaam benoemd. Deze jongeling was juist in Klein-Azië, maar +hoofderfgenaam benoemd. Deze jongeling was juist in Klein-Azië, maar liet zich spoedig in Rome vinden en gedroeg zich hier zoo sluw, dat hij in korten tijd de gunsteling van senaat en volk werd. Intusschen gedroeg Antonius zich steeds aanmatigender en overmoediger. Toen trad +Cicero+ @@ -2472,8 +2442,8 @@ op, een man van buitengewone redenaarsgaven, en donderde tegen Antonius, als den gevaarlijksten vijand des vaderlands. Reeds 20 jaar vroeger had hij den senaat de grootste diensten bewezen door 't verijdelen der samenzwering van +Catilina+, die de heerschappij der optimaten wilde -breken. Nu rustte hij niet, vóór Antonius beoorloogd werd. Dit -geschiedde, en Antonius vluchtte naar Gallië, waar zijn trouwe aanhanger +breken. Nu rustte hij niet, vóór Antonius beoorloogd werd. Dit +geschiedde, en Antonius vluchtte naar Gallië, waar zijn trouwe aanhanger +Lepidus+ hem nieuwe troepen toevoerde. Beiden rukten daarop gemeenschappelijk tegen Octavianus op, die aan de spits van 't Romeinsche leger stond. Bij Bologna zou de strijd beginnen. Maar @@ -2493,9 +2463,9 @@ dooden, ofschoon Octavianus het verhinderen wilde. [5] Genealogische tabellen no. 2. Terwijl zulke gruwelen in en om Rome voorvielen, stonden Brutus en -Cassius, de stadhouders van Macedonië en Syrië, met hunne legers -gereed voor de republiek te strijden, d. w. z. voor het behoud der -senaatsmacht. Bij Philippi, in Macedonië, kwam het tot beslissing. De +Cassius, de stadhouders van Macedonië en Syrië, met hunne legers +gereed voor de republiek te strijden, d. w. z. voor het behoud der +senaatsmacht. Bij Philippi, in Macedonië, kwam het tot beslissing. De aanhangers der oude vrijheid streden zoo dapper, dat hun zeker de overwinning zou ten deel gevallen zijn. Maar toen Cassius, door een valsch bericht misleid, zich in zijn zwaard stortte, bezweek eindelijk @@ -2510,7 +2480,7 @@ de oostelijke landen. 2. Terwijl Octavianus, in Rome zetelend, er op bedacht was, Antonius spoedig van de heerschappij te verdringen, leefde deze zorgeloos aan het schitterende hof der Egyptische koningin Cleopatra, schonk aan haar en -hare familie een groot gedeelte der Romeinsche provincie in Azië weg, en +hare familie een groot gedeelte der Romeinsche provincie in Azië weg, en verstiet eindelijk zijne deugdzame echtgenoote Octavia, de zuster van Octavianus. Den slechten indruk, dien zulk eene vermetele handelwijze bij de Romeinen teweeg bracht, maakte Octavianus zich ten nutte. Hij @@ -2521,7 +2491,7 @@ vereenigd tot den beslissenden strijd naar Griekenland. Toen echter in den zeeslag bij kaap +Actium+ (west. van Hellas) de koningin Cleopatra vluchtte 31, ging Antonius met haar naar Egypte terug en verliet zoo zijn leger, dat na lang dralen tot den verwonderden Octavianus overliep. -Deze trok door Syrië naar Egypte en sloeg hier Antonius, die ook door +Deze trok door Syrië naar Egypte en sloeg hier Antonius, die ook door Cleopatra verlaten werd. Zij liet hem zeggen, dat zij gestorven was, en bracht hem daardoor zoo in vertwijfeling, dat hij zich zelven vermoordde. De arglistige koningin had gehoopt, Octavianus voor zich te @@ -2532,7 +2502,7 @@ werd nu eene Romeinsche provincie. Octavianus was na den val van Antonius alleenheerscher van het monsterachtige Romeinsche rijk, en werd door den senaat met de hoogste -titels beschonken. Men gaf hem den bijnaam +Augustus+, d. i. de +titels beschonken. Men gaf hem den bijnaam +Augustus+, d. i. de verhevene of heilige, en droeg hem alle macht onbeperkt op. Octavianus liet echter in schijn de oude waardigheden voortbestaan en toonde zich, door het lot van Caesar gewaarschuwd, zeer ingetogen. Toch bezat hij @@ -2543,16 +2513,16 @@ keizerrijk veranderd. 3. Onder de regeering van Augustus had Rome het hoogste toppunt zijner -macht bereikt. Het hoofdland, Italië, was maar een klein deel van het +macht bereikt. Het hoofdland, Italië, was maar een klein deel van het Romeinsche rijk, dat zich over de drie toen bekende werelddeelen uitstrekte, van de Atlantische zee tot aan den Eufraat, van den Rijn, den Donau en de Zwarte zee tot aan de Afrikaansche en Arabische woestijnen. In dezen wijden omvang lagen de schoonste landen der aarde, -o. a. Portugal en Spanje, Gallië (Frankrijk), Italië, Griekenland en -Macedonië, Klein-Azië, Syrië, Egypte en het Karthaagsche gebied. Op deze +o. a. Portugal en Spanje, Gallië (Frankrijk), Italië, Griekenland en +Macedonië, Klein-Azië, Syrië, Egypte en het Karthaagsche gebied. Op deze groote vlakteruimte leefden ongeveer 120 millioen menschen, waarvan de helft slaven waren. De grootste steden der toenmalige wereld waren -behalve Rome nog Alexandrië en Antiochië. Haar pracht en rijkdom waren +behalve Rome nog Alexandrië en Antiochië. Haar pracht en rijkdom waren grootsch. In Rome waren 400 kostbare tempels, groote marktplaatsen, prachtige schouwburgen en paleizen, zuilenhallen, triomfbogen en dergelijke. @@ -2590,14 +2560,14 @@ weeg. Augustus riep in vertwijfeling uit: "Varus, Varus, geef mij mijne legioenen terug!" en liep als razend rond. Alle Duitschers moesten Rome verlaten, zelfs de Duitsche lijfwacht des keizers werd over de zee gebracht. De schrik, dien eens de Cimbren en Teutonen verwekt hadden, -was weêr gekomen. Maar weldra bleek het, dat de Duitschers in de +was weêr gekomen. Maar weldra bleek het, dat de Duitschers in de grootste rust t'huis bleven. 5. Augustus had in zijn huiselijk leven veel ongeluk. Zijne dochter Julia, zijn eenig kind, bezorgde hem door haar teugelloos leven veel kommer. Toen hare beide zonen gestorven waren, leidde Augustus' derde -gemalin, de listige Livia, het daarheên, dat haar zoon Tiberius, de +gemalin, de listige Livia, het daarheên, dat haar zoon Tiberius, de bovengenoemde, een slecht mensch, tot keizer bestemd werd. Augustus stierf in 't jaar 14 onzer jaartelling. Kort voor zijn dood zou hij tot de omstaande vrienden gezegd hebben: "Applaudisseert, want ik heb mijne @@ -2617,12 +2587,12 @@ bij den aanvang zijner regeering toe: "Regeer gelukkig als Augustus!" mensch. Hij zond +Germanicus+, Drusus' zoon, tot een krijg der wrake naar Duitschland, maar kon hier even weinig bereiken als Augustus. Wantrouwend over het aanzien van den dapperen Germanicus, riep hij dezen -uit Duitschland terug en verplaatste hem naar Syrië, waar hij hem +uit Duitschland terug en verplaatste hem naar Syrië, waar hij hem waarschijnlijk liet vergiftigen. De argwaan en de wreedheid van den tyran werden door zijne gemalin nog vermeerderd, zoodat hij ontzettend woedde, tot hij eindelijk door den overste zijner lijfwacht vermoord werd. Onder zijne regeering zijn de Friezen opgestaan, die eerst bijna -20 jaar later onder die van +Claudius+ weêr onderdrukt zijn. +20 jaar later onder die van +Claudius+ weêr onderdrukt zijn. Onder de slechte vorsten in de eerste eeuw is +Nero+ wel de vreeselijkste. Hij liet zijn stiefbroeder, zijne vrouw, ja zijne eigene @@ -2630,7 +2600,7 @@ moeder vermoorden. Zijn vroegere leermeester, de beroemde +Seneca+, werd gedwongen zich zelven te dooden. Met de schrikkelijkste wreedheid verbond Nero eene ijdelheid, die aan waanzin grensde. Hij hield zichzelven voor den eersten kunstenaar der wereld, en trok als -harpspeler en wagenmenner geheel Italië en Griekenland door om zich te +harpspeler en wagenmenner geheel Italië en Griekenland door om zich te laten huldigen. Een groote brand in Rome zou hem aanleiding hebben gegeven om van de tinne van zijn paleis af den brand van Troje te bezingen. Toen zich daarop de haat van het volk ontwikkelde, schoof hij @@ -2647,9 +2617,9 @@ verliest de wereld in mij!" 2. Na Nero volgden in zeer korten tijd drie keizers, waarvan er geen een natuurlijken dood stierf. De soldaten, die nu gewoonlijk den keizer aanwezen, kregen eerst in +Vespasianus+ een geduchten heerscher, onder -wien weêr rust en orde heerschte. Van zijne oorlogen is ons met name die +wien weêr rust en orde heerschte. Van zijne oorlogen is ons met name die met de Joden opmerkenswaardig. Dit volk was reeds dikwijls tegen de -Romeinen opgestaan, en was telkens eerst na veel bloedvergieten weêr +Romeinen opgestaan, en was telkens eerst na veel bloedvergieten weêr onderworpen. In Nero's tijd was andermaal een oproer ontstaan, en Vespasianus, die toen nog generaal was, trok tegen Jeruzalem op, om de stad te belegeren. Toen hij intusschen tot keizer werd uitgeroepen, @@ -2662,7 +2632,7 @@ menigte menschen bevond, brak er een ontzettende hongersnood uit, en daarop volgden verwoestende ziekten. Niettegenstaande dezen verschrikkelijken nood waagde niemand in de stad van overgave te spreken. Toen Titus het benedendeel van Jeruzalem stormenderhand genomen -had, deed hij nogmaals eene goedwillige poging, die weêr afgewezen werd. +had, deed hij nogmaals eene goedwillige poging, die weêr afgewezen werd. Daarop veroverde hij den burg en den tempel, waar de Joden zich het hardnekkigst hadden gehandhaafd. Ofschoon Titus den tempel sparen wilde, werd dit prachtig gebouw toch in de woede van den strijd eene prooi der @@ -2681,8 +2651,8 @@ regeering van Titus, in 't jaar 79, had eene groote aardbeving plaats met een hevige uitbraak van den vuurspuwenden berg Vesuvius (bij Napels). Daardoor werden de steden Pompeji, Herculanum en Stabiae bedolven, zoodat men haar spoor niet meer zag. Eerst voor 100 jaren -ontdekte men Herculanum en Pompeji weêr en begon men langzamerhand de -oude steden weêr op te graven. Toen vond men alles nog zoo als het +ontdekte men Herculanum en Pompeji weêr en begon men langzamerhand de +oude steden weêr op te graven. Toen vond men alles nog zoo als het eenmaal begraven was, slechts was het door de heete asch verdroogd of tot stof geworden. In de goed gebleven woningen vond men het huisraad, de boeken, de spijzen op de tafel. Geraamten van menschen stonden en @@ -2705,23 +2675,23 @@ gelukkig als Augustus, mild als Trajanus!" Overigens mag niet onopgemerkt blijven, dat ook Trajanus de Christenen vervolgde. Zijn opvolger +Hadrianus+ beminde den vrede, en bevorderde kunsten en wetenschappen, maar toonde bij groote ijdelheid ook wreeden zin. Hij -bouwde de stad Hadrianopel (in het tegenwoordige Turkijë) en liet ook -Jerusalem weêr verrijzen. Toen hij echter hier aan den Romeinschen god +bouwde de stad Hadrianopel (in het tegenwoordige Turkijë) en liet ook +Jerusalem weêr verrijzen. Toen hij echter hier aan den Romeinschen god Jupiter liet offeren, werden de Joden oproerig, en er ontstond een driejarige strijd, waarin ongeveer 500,000 man gedood werden. Daarbij werd Jerusalem nogmaals de vernieling ten prooi, werd toen opnieuw -opgebouwd en voor elk Israëliet gesloten. +opgebouwd en voor elk Israëliet gesloten. -+Antoninus+, genaamd Pius d. i. de vrome, toonde zich gedurende zijne ++Antoninus+, genaamd Pius d. i. de vrome, toonde zich gedurende zijne lange regeering (138-161) een der beste keizers. Hij vermeed den oorlog, -terwijl hij den schoonen grondregel volgde: "Ik wil liever één burger +terwijl hij den schoonen grondregel volgde: "Ik wil liever één burger het leven behouden, dan duizend vijanden dooden." Hij verbreidde overal geluk en zegen, en was zoo geacht, dat de verwijderdste volken hem als hun scheidsrechter kozen. Eeuwen lang bleef zijn aandenken bij het volk in gedachtenis. Verscheidene latere keizers voegden zich zijn naam toe, om zich bemind te maken. Zijn pleegzoon +Marcus Aurelius+, ook Antoninus genaamd, regeerde in denzelfden geest (161-180). Hij kreeg den bijnaam -"philosoof" d. i. wijsgeer[6], daar hij door eigene beschouwingen het +"philosoof" d. i. wijsgeer[6], daar hij door eigene beschouwingen het rechte inzicht over het leven in zijne menigvuldige betrekkingen zocht te verkrijgen en te verbreiden. Ook onder dezen edelen keizer ontstond echter helaas eene christenvervolging. Daarenboven werd de regeering van @@ -2732,7 +2702,7 @@ aan het einde daarvan zag men den vrede nog niet verzekerd. Marcus Aurelius stierf te Vindobona, het tegenwoordige Weenen. [6] Na de zeven wijzen van Griekenland (blz. 36), die allen - gelijktijdig leefden, 600 v. C., was dit woord ontstaan, + gelijktijdig leefden, 600 v. C., was dit woord ontstaan, beteekenende vriend van, zoeker of strever naar wijsheid. Pythagoras te Croton had het woord _philosophos_ in plaats van _sophos_ (wijze) gesteld. @@ -2749,13 +2719,13 @@ herstellen. Bij deze soldatenheerschappij ging het rijk met snelle schreden zijn ondergang te gemoet, te meer daar behalve bovengenoemden zich nog verschillende andere bonden onder de Germaansche stammen gevormd hadden ter verdediging tegen en ter bestoking van het Romeinsche -rijk. Zoo moest keizer +Aurelianus+ het door Trajanus veroverde Dacië +rijk. Zoo moest keizer +Aurelianus+ het door Trajanus veroverde Dacië (275) aan de West-Gothen afstaan, een der weinige onder de Germaansche stammen, die toen reeds het christendom aangenomen hadden. Hunne -voorouders hadden reeds eeuwen vóór onze jaartelling benoorden de Zwarte +voorouders hadden reeds eeuwen vóór onze jaartelling benoorden de Zwarte zee gewoond en hadden daar een belangrijken stoot van de Grieksche (blz. 32) beschaving ondervonden. Zoo waren zij andere verwante stammen in -ontwikkeling ver vooruit, blijkbaar o. a. uit hunne taal, die ons bekend +ontwikkeling ver vooruit, blijkbaar o. a. uit hunne taal, die ons bekend is uit eene bijbeloverzetting van hun bisschop Ulfilas. @@ -2766,7 +2736,7 @@ is uit eene bijbeloverzetting van hun bisschop Ulfilas. 1. Door keizer Diocletianus (300), die een energiek man was, had het Romeinsche rijk eene nieuwe inrichting van 't bestuur gekregen. Daar hij -inzag, dat één enkel vorst het zoo uitgebreide landgebied niet goed +inzag, dat één enkel vorst het zoo uitgebreide landgebied niet goed beheerschen kon, benoemde hij mederegenten, van welken er een in Trier woonde en Constantius heette. Deze man was wijs en toonde zich den christenen genegen. Zijn zoon +Constantijn+ was zulks nog meer. Even na @@ -2779,18 +2749,18 @@ christenen hem in den strijd tegen de medekeizers krachtig konden ondersteunen. Ook bleef hij nog heiden en was zelf heidensch opperpriester. Daarentegen spreidde zijne moeder Helena een grooten ijver voor de nieuwe leer ten toon. Zij liet in Palestina de plaatsen, -die den christenen heilig waren, weêr opzoeken en met prachtige tempels +die den christenen heilig waren, weêr opzoeken en met prachtige tempels tooien. Het christendom was van een vervolgden godsdienst tot een heerschenden geworden. Hoewel altijd nog heiden, beheerschte Constantijn toch de kerkelijke aangelegenheden der christenen, en schreef ook de eerste algemeene kerkvergadering voor, die in 325 te Nicaea in -Klein-Azië plaats vond en aan vele twisten een einde maakte. Eene +Klein-Azië plaats vond en aan vele twisten een einde maakte. Eene belangrijke daad van Constantijn was de stichting eener nieuwe hoofdstad. Hij verplaatste zijne residentie naar Byzantium (blz. 32), dat hij Nieuw-Rome noemde, maar later den naam Constantinopolis of -+Constantinopel+, d. i. Constantijnsstad, kreeg. De uitstekende ligging ++Constantinopel+, d. i. Constantijnsstad, kreeg. De uitstekende ligging dezer nieuwe hoofdstad lokte eene groote bevolking. Toen ook de -kunstschatten van Azië, Griekenland en Italië aan Konstantinopel +kunstschatten van Azië, Griekenland en Italië aan Konstantinopel toevloeiden, zonk het oude Rome altijd meer in vergelijking met het nieuwe. @@ -2802,19 +2772,19 @@ hij zich eindelijk doopen, en stierf toen weinige dagen daarna (337). 2. De wreedheid, die Constantijn tegen zijne naaste verwanten geoefend had, had zich op zijn zoon +Constantius+ overgedragen. Deze liet zijne -medeërvende broeders en neven met andere bloedverwanten uit den weg +medeërvende broeders en neven met andere bloedverwanten uit den weg ruimen en wierp zich op als alleenheerscher. Dat hij, de eerste keizer, die christelijk opgevoed was, eene vervolging der heidenen verordende, mag niet onvermeld blijven. Toen hij zich in zijne slechte regeering niet meer alleen handhaven kon, riep hij zijn neef +Julianus+, die in -Athene was, tot zich en droeg hem weldra de heerschappij in Gallië over. +Athene was, tot zich en droeg hem weldra de heerschappij in Gallië over. -Julianus, een beschaafd en dapper man, werkte in Gallië gelijk eenmaal +Julianus, een beschaafd en dapper man, werkte in Gallië gelijk eenmaal Caesar, herstelde overal rust en orde en verwierf zich de liefde van leger en volk. Daarop ijverzuchtig, verlangde Constantius, dat Julianus hem de beste troepen zou uitleveren. Toen begreep deze, wat hem te wachten stond, en ras besloten, rukte hij met zijne soldaten, die hem in -Parijs tot keizer kozen, tegen Constantius op, die echter reeds vóór den +Parijs tot keizer kozen, tegen Constantius op, die echter reeds vóór den strijd stierf. Nu was Julianus alleen keizer en toonde zich gedurende zijne korte regeering, die slechts 20 maanden duurde, zeer werkzaam, spaarzaam en rein van zeden. Daar hij van christelijke leeraars veel @@ -2832,7 +2802,7 @@ een pijl getroffen, 32 jaar oud. -- 363. 1. Onder de opvolgers van keizer Julianus ontstond de groote -volksverhuizing, die haar uitgangspunt in 't binnenste van Azië had en +volksverhuizing, die haar uitgangspunt in 't binnenste van Azië had en zich door Europa, ja zelfs tot Afrika uitstrekte. Reeds sedert langen tijd waren de volken aan de grenzen van het Chineesche rijk in beweging geraakt. De Chineezen zelf hadden zich van de oudheid af zeer afgesloten @@ -2855,45 +2825,45 @@ was hun grootste lust. Toen zij in 375 hunne steppenlanden verlieten en in Europa verschenen, stieten zij op Germaansche volken, eerst op de +Alanen+, die tusschen de Wolga en den Don woonden. Daar dezen zich tegen de wilde horden niet -verdedigen konden, sloten zij zich bij hen aan en trokken meê tegen de +verdedigen konden, sloten zij zich bij hen aan en trokken meê tegen de +Gothen+, die de landen tusschen de Zwarte zee en de oevers van den Weichsel tot aan de Oostzee bezaten, en zich in Oost- en West-Gothen onderscheidden. De Oostgothen, eerst opgejaagd, wierpen zich op de Westgothen, en dezen wendden zich tot +Valens+, den bestuurder der -oostelijke provinciën van 't Romeinsche rijk, die hun woonplaatsen +oostelijke provinciën van 't Romeinsche rijk, die hun woonplaatsen binnen den Donau toestond. Toen zij echter tijdens een hongersnood door de keizerlijke beambten slecht behandeld werden, verhieven zij zich tot een vreeselijken kamp, waarin ook Valens viel, bij Hadrianopel 378. Reeds stonden de zegevierende Westgothen onder de muren van Constantinopel en dreigden met schrikkelijke verwoesting. Toen kwam de nieuw gekozen keizer +Theodosius+ ijlings aanzetten en bemiddelde den -vrede. De Gothen kregen Thracië, in 't oosten van Turkije, en verbonden +vrede. De Gothen kregen Thracië, in 't oosten van Turkije, en verbonden zich daarvoor, den keizer 40.000 man hulptroepen te leveren. Van nu af dienden altijd Gothen, grootendeels onder eigene bevelhebbers, in het Romeinsche leger, en kregen zelfs de aanzienlijkste plaatsen. -Kort vóór zijn dood, in het jaar 395, deelde Theodosius het Romeinsche +Kort vóór zijn dood, in het jaar 395, deelde Theodosius het Romeinsche rijk tusschen zijne beide zonen +Honorius+ en +Arcadius+, zoodat de -eerste de westelijke provinciën met de hoofdstad Rome, de ander +eerste de westelijke provinciën met de hoofdstad Rome, de ander de oostelijke met Constantinopel kreeg. Van nu aan was er een +West-Romeinsch+ of +Latijnsch+ en een +Oost-Romeinsch+ of +Grieksch+ of +Byzantijnsch+ keizerrijk. Daar de beide keizers nog zeer jong waren, heerschten in hunne plaats ministers, die elkander echter wederkeerig haatten en bestreden. Daardoor werd de wanorde in het rijk nog grooter. Het kwam eindelijk zoo ver, dat het hof te Constantinopel den -krijgshaftigen koning der Westgothen, +Alarik+, tot een inval in Italië +krijgshaftigen koning der Westgothen, +Alarik+, tot een inval in Italië aanspoorde. Dat was het begin van het einde der Romeinsche heerlijkheid. 2. Alarik trok -- omstreeks 400 -- aan het hoofd zijner Gothen -verwoestend door Griekenland en van daar naar Italië. In dezen +verwoestend door Griekenland en van daar naar Italië. In dezen algemeenen nood vermanden zich de Romeinen onder leiding van +Stilico+ -tot een ernstigen tegenstand. Alarik trok zich naar Illyrië terug. Zijn +tot een ernstigen tegenstand. Alarik trok zich naar Illyrië terug. Zijn inval in 't Romeinsche rijk had echter in geheel Europa het grootste opzien gebaard en andere volken tot dergelijke tochten aangemoedigd. De dappere Stilico beschermde nog het rijk. Maar toen hij door zijn wantrouwenden keizer, met wiens dochter hij gehuwd was, ter dood -gebracht werd, verscheen Alarik weêr en sloeg zijne legerplaats op in +gebracht werd, verscheen Alarik weêr en sloeg zijne legerplaats op in 't gezicht van Rome. De groote stad, die sedert Hannibals tijden geen vijand voor hare poorten gezien had, sidderde voor de Duitsche legerscharen en vroeg om vredesonderhandelingen. Alarik eischte eerst al @@ -2903,51 +2873,51 @@ en 30000 pond zilver tevreden stellen. Keizer Honorius, die gevlucht was, wilde het verdrag, dat de Romeinen met Alarik gesloten hadden, niet laten gelden. Toen keerde deze naar Rome terug en stelde een anderen keizer aan. Maar later onderhandelde -Alarik weêr met Honorius, en eischte bijzonder, dat zijn volk vaste +Alarik weêr met Honorius, en eischte bijzonder, dat zijn volk vaste woonplaatsen zouden worden ingeruimd. Toen dit vergeefsch was, trok Alarik ten derden male tegen Rome op. Hij nam de stad stormenderhand en liet haar zijn volk ter plundering over. Het was in het jaar 410, -ongeveer 800 jaar na de eerste verwoesting van Rome door de Galliërs, +ongeveer 800 jaar na de eerste verwoesting van Rome door de Galliërs, en de trotsche stad, waar sedert 1000 jaar ongehoorde schatten samengebracht waren, viel nu als buit in de macht van een "barbaarsch" volk. Maar gedurende hunne driedaagsche plundering gingen de Gothen zeer verschoonend te werk, zoodat zij zich zeer gunstig onderscheidden van de Romeinen, die eenmaal in Karthago zoo vreeselijk huisgehouden hadden. -Alarik bleef maar weinige dagen in Rome. Zijn plan was, eerst Sicilië te +Alarik bleef maar weinige dagen in Rome. Zijn plan was, eerst Sicilië te veroveren en dan naar Afrika te gaan. Toen overviel hem plotseling de -dood te Cosenza in beneden-Italië. De treurende Gothen hielden een zeer +dood te Cosenza in beneden-Italië. De treurende Gothen hielden een zeer plechtige begrafenis. Zij leidden de rivier Busento af, begroeven in haar bedding Alarik met groote eerbewijzen, en lieten toen het water -zijn vorigen loop weêr, opdat niemand de plaats zou vinden, waar de +zijn vorigen loop weêr, opdat niemand de plaats zou vinden, waar de groote held der Gothen zijne rust gevonden had. 3. Tot opvolger van Alarik werd zijn zwager, +Athaulf+ of +Adolf+, gekozen. Deze verzoende zich met keizer Honorius, huwde diens zuster en -verliet met de Gothen het verwoeste Italië, om naar Frankrijk en Spanje -te trekken. In beide landen aan deze en gene zijde der Pyrenaeën +verliet met de Gothen het verwoeste Italië, om naar Frankrijk en Spanje +te trekken. In beide landen aan deze en gene zijde der Pyrenaeën ontstond een west-Gothisch rijk, dat tot groote macht geraakte. -De oorlogen in Italië hadden de Romeinen gedwongen, hunne troepen uit de -provinciën terug te roepen. Daardoor ging het eene land na het andere +De oorlogen in Italië hadden de Romeinen gedwongen, hunne troepen uit de +provinciën terug te roepen. Daardoor ging het eene land na het andere verloren en wel meestal aan Duitsche volkeren. De +Vandalen+ trokken van -het Reuzengebergte door Duitschland en Gallië naar Spanje, en eindelijk +het Reuzengebergte door Duitschland en Gallië naar Spanje, en eindelijk onder hun koning Geiserik naar Afrika, waar zij een groot rijk met -de hoofdstad Karthago stichtten, 429. De Bourgondiërs hadden zich -intusschen aan den boven-Rijn neêrgezet en bezaten een tijd lang de stad -Worms. Het noordwestelijk Gallië werd door de +Franken+ ingenomen en +de hoofdstad Karthago stichtten, 429. De Bourgondiërs hadden zich +intusschen aan den boven-Rijn neêrgezet en bezaten een tijd lang de stad +Worms. Het noordwestelijk Gallië werd door de +Franken+ ingenomen en naar hen +Frankrijk+ genoemd. Reeds ten tijde van Julianus den afvallige hadden zij zich aan den beneden-Rijn gevestigd, nu breidden zij zich van daar uit tot aan de Loire en vestigden een aantal kleine rijken. Doornik -was een hunner hoofdzetels, later ook Soissons. Ook +Brittannië+ werd +was een hunner hoofdzetels, later ook Soissons. Ook +Brittannië+ werd door Duitsche volken, de +Angelen+, +Saksen+, en +Jutten+, in bezit genomen. Het veroverde land kreeg den naam +Angelland+ of +Engeland+. Terwijl zoo het eene deel na het andere van het Romeinsche rijk afgescheurd werd, kwamen de Hunnen, die middelerwijl tusschen Wolga en Donau gehuisd hadden, met de oude en nieuwe bewoners der Romeinsche -provinciën in altijd nadere beroering en brachten een groot gevaar voor +provinciën in altijd nadere beroering en brachten een groot gevaar voor allen. @@ -2956,18 +2926,18 @@ allen. machtig krijgsvolk verheven. Attila was klein van gestalte, maar ijzervast in lichaams- en wilskracht. Als hij de kleine fonkelende oogen rolde, overviel ook den dappersten een siddering. Zijn hoofdlegerplaats -was in Hongarijë, waar hij in een houten tent de vreemde gezanten +was in Hongarijë, waar hij in een houten tent de vreemde gezanten ontving. -Hij werd niet anders genoemd dan +Godegisel+, d. i. geesel Gods tot +Hij werd niet anders genoemd dan +Godegisel+, d. i. geesel Gods tot tuchtiging der wereld. Voor dezen geesel beefden de volkeren allerwege. -Eerst keerde Attila zijn zwaard tegen de oostelijke provinciën en +Eerst keerde Attila zijn zwaard tegen de oostelijke provinciën en plunderde ze op schrikkelijke wijze. De keizer te Constantinopel sidderde en verbond zich, hem eene jaarlijksche schatting van 2000 pond goud te betalen. Nu keerde Attila zijn zwaard tegen het westen. In den winter van het jaar 450 brak de Hunnenheld aan het hoofd van een half millioen strijders uit zijne legerplaats in Hongarije op en trok, alles -verwoestend, naar den Rijn. Hier traden hem de Bourgondiërs te gemoet; +verwoestend, naar den Rijn. Hier traden hem de Bourgondiërs te gemoet; zij bezweken echter voor de talrijke horden. Even weinig vermochten de Franken en andere Duitsche volken een grooten tegenstand te bieden. De schoonste steden, die reeds door de Romeinen gesticht waren, als @@ -2976,26 +2946,26 @@ Het sterke Metz viel na een korten tegenstand in handen der ruwe overwinnaars. Trier werd voor de vijfde maal verwoest. Reeds stonden de Hunnen voor Orleans. Toen kwam er hulp. -De Romeinsche veldheer +Aëtius+ had zich met +Theodorik+, koning der +De Romeinsche veldheer +Aëtius+ had zich met +Theodorik+, koning der Westgothen, verbonden en verscheidene Duitsche volkeren te hulp geroepen. Dit vereenigde leger trad Attila stout te gemoet. Op de +Catalaunische velden+ aan de Marne, bij het tegenwoordige +Chalons+, begon de volkenslag, waarin Attila voor het eerst geslagen werd. Omtrent -200000 menschen waren gevallen. De vorst der Hunnen trok naar Hongarijë +200000 menschen waren gevallen. De vorst der Hunnen trok naar Hongarijë terug. Reeds in het volgende jaar had Attila evenwel een nieuw leger bijeen. Daardoor stout gemaakt, eischte hij herhaaldelijk de hand van Honoria, de zuster van keizer Valentinianus III. Toen deze hem geweigerd werd, -viel hij in Italië. Hij veroverde en verwoestte de belangrijke +viel hij in Italië. Hij veroverde en verwoestte de belangrijke handelsstad Aquileja aan de Adriatische golf. Hare bewoners vluchtten, -gelijk de Tyriërs, op de vele kleine eilanden der zee en stichtten daar -het later zoo beroemde +Venetië+. Intusschen verwoestte Attila de steden +gelijk de Tyriërs, op de vele kleine eilanden der zee en stichtten daar +het later zoo beroemde +Venetië+. Intusschen verwoestte Attila de steden Verona, Milaan en vele andere, en trok naar Rome. De beangste hoofdstad vroeg een wapenstilstand, terwijl zij een gezantschap met den bisschop +Leo+ aan het hoofd naar Attila zond. Deze liet zich door de betaling eener geldsom tot den aftocht bewegen, en keerde met zijne horden naar -Hongarijë terug. Het was zijn laatste legertocht, want hij stierf reeds +Hongarijë terug. Het was zijn laatste legertocht, want hij stierf reeds in 't jaar 453. De dood van Attila bevrijdde de wereld van een vreeselijken geesel. De @@ -3003,8 +2973,8 @@ zonen van den stouten hoofdman konden de macht der Hunnen niet staande houden. De onderworpene volken maakten zich onafhankelijk en tastten ook hunne oude onderdrukkers aan, die zich eindelijk aan de Wolga terugtrokken en onder andere volken verloren. In hunne plaats zetten -zich in Hongarijë de Oostgothen en Langobarden neêr, die echter spoedig -naar Italië opbraken en hier nieuwe rijken stichtten. Daarmeê had de +zich in Hongarijë de Oostgothen en Langobarden neêr, die echter spoedig +naar Italië opbraken en hier nieuwe rijken stichtten. Daarmeê had de volksverhuizing haar einde bereikt. @@ -3013,10 +2983,10 @@ volksverhuizing haar einde bereikt. 25. Ondergang van het West-Romeinsche rijk. -- 476. -1. Het West-Romeinsche rijk bestond bijna slechts nog uit Italië, en +1. Het West-Romeinsche rijk bestond bijna slechts nog uit Italië, en ook dit land ijlde met snelle schreden zijn ondergang te gemoet. De wantrouwende keizer Valentinianus vermoordde den overwinnaar der Hunnen -Aëtius, den laatsten steun van 't keizerrijk. Daarop werd Valentinianus +Aëtius, den laatsten steun van 't keizerrijk. Daarop werd Valentinianus op aansporing van den bevelhebber Maximus vermoord, die nu zelf den troon besteeg en de keizerin-weduwe Eudoxia dwong, zijne gemalin te worden. Deze wreekte zich, zoo het heet, daardoor, dat zij heimelijk @@ -3033,7 +3003,7 @@ hield. Hij duldde brand noch moord; maar veertien dagen lang duurde de plundering. Alle kunstschatten en kostbaarheden, die sedert de vernieling door Alarik nog voorhanden waren, werden een buit der ruwe Vandalen. Zij sleepten bovendien nog verscheidene duizenden ongelukkige -Romeinen, o. a. de keizerin en hare beide dochters, als gevangenen weg. +Romeinen, o. a. de keizerin en hare beide dochters, als gevangenen weg. Karthago had na zes eeuwen zijne wrekers naar de Tiberstad gezonden. Maar zelfs de Vandalen gingen hier minder wreed te werk, dan eens de Romeinen in Karthago. @@ -3043,12 +3013,12 @@ Romeinen in Karthago. tijdruimte van 20 jaren nog 9 keizers, die door de bevelhebbers der Duitsche troepen aangesteld en afgezet werden. De schepter ging van hand tot hand, tot eindelijk +Odoaker+, een Duitsch legeraanvoerder, aan het -oude rijk een einde maakte. Hij voerde de +Herulers+ en +Rugiërs+ aan, +oude rijk een einde maakte. Hij voerde de +Herulers+ en +Rugiërs+ aan, die eertijds in Pommeren woonden, en eischte voor de veeljarige diensten zijner troepen een gedeelte van den grondeigendom. Toen dat geweigerd werd, verdreef hij den laatsten Romeinschen keizer +Romulus+ (Augustulus of de kleine Augustus bijgenaamd, omdat hij pas 15 jaar oud was) en -noemde zich zelven +koning van Italië+. Den jongen Romulus werd het +noemde zich zelven +koning van Italië+. Den jongen Romulus werd het leven geschonken en een slot met een jaarlijksch inkomen bewilligd. Daarentegen moest de vader van den laatsten keizer, de eergierige veldheer Orestes, het leven laten. @@ -3076,9 +3046,9 @@ INHOUD. 1. Inleiding 3. 2. De Egyptenaren 6. 3. Kores en de Perzen 13. - 4. De Phoeniciërs 21. + 4. De Phoeniciërs 21. 5. De Grieken 26. - 6. De tocht naar Troje -- 1200 v. C. 28. + 6. De tocht naar Troje -- 1200 v. C. 28. 7. Lycurgus en de Spartanen -- 888 32. 8. Solon en de Atheners 34. 9. De Perzische oorlogen 37. @@ -3086,7 +3056,7 @@ INHOUD. 11. Alcibiades 50. 12. Socrates -- 400 52. 13. Epaminondas en Pelopidas 57. - 14. Alexander van Macedonië 59. + 14. Alexander van Macedonië 59. 15. De oude Romeinen 66. 16. Pyrrhus en Fabricius 70. 17. De Punische oorlogen -- 264-146 73. @@ -3095,7 +3065,7 @@ INHOUD. 20. Julius Caesar -- 44 84. 21. Octavianus Augustus 89. 22. Verscheidene Keizers van 't Romeinsche rijk 95. - 23. Constantijn de Groote -- 323 n. C. 100. + 23. Constantijn de Groote -- 323 n. C. 100. 24. De volksverhuizing -- 375 102. 25. Ondergang van 't West-Romeinsche rijk 109. @@ -3115,7 +3085,7 @@ kruistocht -- 1099. Frederik I Barbarossa -- 1190. Frederik II -- 1250. De ridderstand. De burgerstand. Rudolf van Habsburg -- 1273. Het Zwitsersch bondgenootschap -- 1300. Verscheidene keizers van het Duitsche rijk. Huss -- 1415. De maagd van Orleans -- 1429. Ondergang -v. h. Oost-Romeinsche rijk -- 1453. Gutenberg -- 1456. Columbus -- 1492. +v. h. Oost-Romeinsche rijk -- 1453. Gutenberg -- 1456. Columbus -- 1492. Einde der middeleeuwen. @@ -3153,7 +3123,7 @@ correcties aangebracht, op bladzij 60 "menscheid" in "menschheid" (is voor de menschheid een groote zegen) 71 "det" in "dat" (en zorgde, dat Fabricius vlak) 75 "3." toegevoegd (3. Na den val der stad) - 78 "5." toegevoegd (5. Even vóórdat dit) + 78 "5." toegevoegd (5. Even vóórdat dit) 88 "met" toegevoegd (den machtigen heerser met een gouden zetel) 97 "onstond" in "ontstond" (Na de aardbeving ontstond een hongersnood) 99 "onstond" in "ontstond" (dezen edelen keizer ontstond echter) @@ -3170,364 +3140,4 @@ inconsequente spelling. End of Project Gutenberg's Algemeene Geschiedenis in Verhalen, by H. Solger -*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ALGEMEENE GESCHIEDENIS IN VERHALEN *** - -***** This file should be named 40351-8.txt or 40351-8.zip ***** -This and all associated files of various formats will be found in: - http://www.gutenberg.org/4/0/3/5/40351/ - -Produced by Branko Collin, eagkw and the Online Distributed -Proofreading Team at http://www.pgdp.net - - -Updated editions will replace the previous one--the old editions -will be renamed. - -Creating the works from public domain print editions means that no -one owns a United States copyright in these works, so the Foundation -(and you!) can copy and distribute it in the United States without -permission and without paying copyright royalties. Special rules, -set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to -copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to -protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project -Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you -charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you -do not charge anything for copies of this eBook, complying with the -rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose -such as creation of derivative works, reports, performances and -research. They may be modified and printed and given away--you may do -practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is -subject to the trademark license, especially commercial -redistribution. - - - -*** START: FULL LICENSE *** - -THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK - -To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase "Project -Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project -Gutenberg-tm License (available with this file or online at -http://gutenberg.org/license). - - -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm -electronic works - -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy -all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. -If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project -Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the -terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or -entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. - -1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement -and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic -works. See paragraph 1.E below. - -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" -or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project -Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the -collection are in the public domain in the United States. If an -individual work is in the public domain in the United States and you are -located in the United States, we do not claim a right to prevent you from -copying, distributing, performing, displaying or creating derivative -works based on the work as long as all references to Project Gutenberg -are removed. Of course, we hope that you will support the Project -Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by -freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of -this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with -the work. You can easily comply with the terms of this agreement by -keeping this work in the same format with its attached full Project -Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. - -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in -a constant state of change. If you are outside the United States, check -the laws of your country in addition to the terms of this agreement -before downloading, copying, displaying, performing, distributing or -creating derivative works based on this work or any other Project -Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning -the copyright status of any work in any country outside the United -States. - -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: - -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate -access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently -whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the -phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project -Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, -copied or distributed: - -This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with -almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or -re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included -with this eBook or online at www.gutenberg.org/license - -1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived -from the public domain (does not contain a notice indicating that it is -posted with permission of the copyright holder), the work can be copied -and distributed to anyone in the United States without paying any fees -or charges. If you are redistributing or providing access to a work -with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the -work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 -through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the -Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or -1.E.9. - -1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional -terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked -to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the -permission of the copyright holder found at the beginning of this work. - -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. - -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg-tm License. - -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any -word processing or hypertext form. However, if you provide access to or -distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than -"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version -posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), -you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a -copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon -request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other -form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm -License as specified in paragraph 1.E.1. - -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided -that - -- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is - owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he - has agreed to donate royalties under this paragraph to the - Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments - must be paid within 60 days following each date on which you - prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax - returns. Royalty payments should be clearly marked as such and - sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the - address specified in Section 4, "Information about donations to - the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." - -- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm - License. You must require such a user to return or - destroy all copies of the works possessed in a physical medium - and discontinue all use of and all access to other copies of - Project Gutenberg-tm works. - -- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any - money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days - of receipt of the work. - -- You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg-tm works. - -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm -electronic work or group of works on different terms than are set -forth in this agreement, you must obtain permission in writing from -both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael -Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the -Foundation as set forth in Section 3 below. - -1.F. - -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -public domain works in creating the Project Gutenberg-tm -collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic -works, and the medium on which they may be stored, may contain -"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or -corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual -property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a -computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by -your equipment. - -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right -of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. - -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium with -your written explanation. The person or entity that provided you with -the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a -refund. If you received the work electronically, the person or entity -providing it to you may choose to give you a second opportunity to -receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy -is also defective, you may demand a refund in writing without further -opportunities to fix the problem. - -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER -WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO -WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. - -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. -If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the -law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be -interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by -the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any -provision of this agreement shall not void the remaining provisions. - -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance -with this agreement, and any volunteers associated with the production, -promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, -harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, -that arise directly or indirectly from any of the following which you do -or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm -work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any -Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. - - -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm - -Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of computers -including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists -because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from -people in all walks of life. - -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need, are critical to reaching Project Gutenberg-tm's -goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. -To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation -and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 -and the Foundation web page at http://www.pglaf.org. - - -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive -Foundation - -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at -http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent -permitted by U.S. federal laws and your state's laws. - -The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. -Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered -throughout numerous locations. Its business office is located at -809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email -business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact -information can be found at the Foundation's web site and official -page at http://pglaf.org - -For additional contact information: - Dr. Gregory B. Newby - Chief Executive and Director - gbnewby@pglaf.org - - -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation - -Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide -spread public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. - -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To -SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any -particular state visit http://pglaf.org - -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. - -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. - -Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. -To donate, please visit: http://pglaf.org/donate - - -Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic -works. - -Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm -concept of a library of electronic works that could be freely shared -with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project -Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. - - -Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. -unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily -keep eBooks in compliance with any particular paper edition. - - -Most people start at our Web site which has the main PG search facility: - - http://www.gutenberg.org - -This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. +*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 40351 *** diff --git a/40351-8.zip b/40351-8.zip Binary files differdeleted file mode 100644 index df9c964..0000000 --- a/40351-8.zip +++ /dev/null diff --git a/40351-h.zip b/40351-h.zip Binary files differdeleted file mode 100644 index 127d568..0000000 --- a/40351-h.zip +++ /dev/null diff --git a/40351-h/40351-h.htm b/40351-h/40351-h.htm index 359ccfc..cbba799 100644 --- a/40351-h/40351-h.htm +++ b/40351-h/40351-h.htm @@ -2,7 +2,7 @@ "http://www.w3.org/TR/xhtml1/DTD/xhtml1-strict.dtd"> <html xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml" xml:lang="nl" lang="nl"> <head> - <meta http-equiv="Content-Type" content="text/html;charset=iso-8859-1" /> + <meta http-equiv="Content-Type" content="text/html;charset=UTF-8" /> <meta http-equiv="Content-Style-Type" content="text/css" /> <title> The Project Gutenberg eBook of Algemeene Geschiedenis in Verhalen - Oudheid, by H. Solger. @@ -95,44 +95,7 @@ sup {vertical-align: top; font-size: 80%;} </style> </head> <body> - - -<pre> - -Project Gutenberg's Algemeene Geschiedenis in Verhalen, by H. Solger - -This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with -almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or -re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included -with this eBook or online at www.gutenberg.org/license - - -Title: Algemeene Geschiedenis in Verhalen - Oudheid - -Author: H. Solger - -Release Date: July 27, 2012 [EBook #40351] - -Language: Dutch - -Character set encoding: ISO-8859-1 - -*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ALGEMEENE GESCHIEDENIS IN VERHALEN *** - - - - -Produced by Branko Collin, eagkw and the Online Distributed -Proofreading Team at http://www.pgdp.net - - - - - - -</pre> - +<div>*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 40351 ***</div> <div class="figcenter"> <img src="images/cover.jpg" width="378" height="612" alt="Voorkant kaft" title="Transcriptie hieronder" /> @@ -254,7 +217,7 @@ de gezeten landman ziet gaarne, dat naast zijne woning nog andere bestaan. De akkerbouw bevorderde dus het vreedzame samenleven der menschen, en dit bracht de maatschappelijke ordeningen, <span class="g">gemeenten</span> en <span class="g">stammen</span>, -<span class="g">volken</span> en <span class="g">staten</span> te voorschijn. Daarmeê ontstonden +<span class="g">volken</span> en <span class="g">staten</span> te voorschijn. Daarmeê ontstonden tevens rechters en aanvoerders, hoofdmannen en vorsten, die gewoonlijk allen gekozen werden. Bij verscheidene volken traden echter ook de sterksten op @@ -291,7 +254,7 @@ dan de andere, die daarvan verwijderd zijn en geen zeehandel hebben.</p> <p>Er ligt ten zuiden van ons werelddeel, midden tusschen -Europa, Azië en Afrika, eene groote zee, de Middellandsche +Europa, Azië en Afrika, eene groote zee, de Middellandsche genoemd. Aan de oevers van deze woonden de oudste en beschaafdste volkeren, die wij kennen. Wij beginnen met de Egyptenaren, wier berichten tot in de @@ -340,7 +303,7 @@ van Egyptische koningen.</p> de graven en lijken. Om het bederf der dooden te verhinderen, overtrokken zij ze met een verhardende, doorzichtige stof, de aardhars <span class="g">mum</span>, waarnaar men de gebalsemde -lijken <span class="g">mumiën</span> noemt. Deze zijn gedeeltelijk +lijken <span class="g">mumiën</span> noemt. Deze zijn gedeeltelijk tot aan den huidigen dag in stand gebleven, zien er zwart uit en zijn zoo hard als steen. De rustplaatsen der ontslapenen werden in de westelijk gelegen rotsbodems uitgehouwen, @@ -370,8 +333,8 @@ beelden getooid.</p> <p>3. De schriftteekens, die zich op de gedenkteekenen der Egyptische bouwkunst bevinden, zijn van een geheel eigenaardige soort. Zij bestaan namelijk uit beelden, die -met groote netheid geteekend zijn en, òf het voorwerp<span class="pagenum"><a name="Page_8" id="Page_8">[8]</a></span> -zelf voorstellen, òf, als dit niet mogelijk is, als b.v. bij +met groote netheid geteekend zijn en, òf het voorwerp<span class="pagenum"><a name="Page_8" id="Page_8">[8]</a></span> +zelf voorstellen, òf, als dit niet mogelijk is, als b.v. bij eigenschappen, bekende zinnebeelden geven, als de bij voor vlijt en dergelijke, of ook zekere klanken aanduiden. Deze teekeningen werden <span class="g">hieroglyphen</span>, d. i. heilig @@ -382,18 +345,18 @@ wederkeeren, vermoedde men, dat de Egyptenaren dikwijls als wij, bepaalde klanken door bepaalde teekens uitdrukten. Op het eind der vorige eeuw nu deed men eene belangrijke ontdekking. Met Bonaparte, toen generaal -der Fransche republiek, vóórdat hij keizer werd, waren +der Fransche republiek, vóórdat hij keizer werd, waren een aantal geleerden naar Egypte gegaan. In den Nijlmond bij Rosette vond men een steen met opschriften uit de oudheid. Hij vermeldde het besluit tot huldiging -van een vorst omtrent 2 eeuwen vóór onze jaartelling, +van een vorst omtrent 2 eeuwen vóór onze jaartelling, in hieroglyphen, het toen nog raadselachtige heilige schrift der oude Egyptenaren, en in het Grieksch, in de laatste -eeuwen vóór Christus de algemeene taal in de oostelijke +eeuwen vóór Christus de algemeene taal in de oostelijke landen der Middellandsche zee. Er was bij vermeld, dat de inhoud der verschillende opschriften gelijkluidend was. -Maar hiermeê was de sleutel tot de hieroglyphen nog -niet gevonden; dit is eerst veel later (± 1821) gelukt aan +Maar hiermeê was de sleutel tot de hieroglyphen nog +niet gevonden; dit is eerst veel later (± 1821) gelukt aan Champollion, een Fransch geleerde. Na den dood van het overoude Egyptisch toch had er in het Nijldal eeuwen lang eene taal geleefd, die nu ook reeds dood, maar @@ -416,12 +379,12 @@ beelden voorstelden en deze steeds meer vereenvoudigden.</p> <p>Als men zeer duidelijk zien wil, hoe nuttig <span class="g">de uitvinding der klankteekens of letters</span> is, behoeft men slechts aan de <span class="g">Chineezen</span> te denken. Dit volk, -dat naast de Egyptenaren en <span class="g">Indiërs</span> tot de oudste volken +dat naast de Egyptenaren en <span class="g">Indiërs</span> tot de oudste volken der wereld behoort, heeft nog heden geen volledig stel van letters, maar voor elk woord eene afzonderlijke figuur. Daar heeft men nu veel duizenden schriftteekens te leeren, wat veel tijd en groote inspanning vereischt, terwijl wij slechts -twee dozijn letters hebben te leeren, waarmeê wij alle +twee dozijn letters hebben te leeren, waarmeê wij alle woorden lezen en schrijven kunnen. Het letterschrift behoort tot de meest grootsche uitvindingen van den mensch. Het geeft gemakkelijkheid om het ervarene en @@ -445,8 +408,8 @@ was.</p> <p> </p> <p>4. De Egyptenaren waren in standen verdeeld, die men -gewoonlijk <span class="g">kasten</span> noemt. Er waren er vier à zeven. -De geëerdste kaste was die der <span class="g">priesters</span>. Zij waren +gewoonlijk <span class="g">kasten</span> noemt. Er waren er vier à zeven. +De geëerdste kaste was die der <span class="g">priesters</span>. Zij waren opvoeders en raden der koningen, die men hier <span class="g">pharao’s</span>, d. i. verhevenen, noemde; zij richtten het volk naar eigene wetten; zij namen den loop der sterren waar en regelden @@ -511,20 +474,20 @@ overstroomingen van den Nijl het overtollige water op te nemen en in drooge tijden dit door kanalen te rechter plaatse te brengen.</p> -<p>Nadat volgens de opgaven reeds verscheidene dynastieën +<p>Nadat volgens de opgaven reeds verscheidene dynastieën gedurende een aantal eeuwen over het land geregeerd hadden, kwam uit het noordoosten een herdersvolk, Hyksos genaamd, veroverde het grootste gedeelte van Egypte (noord en midden) en werd eerst na vijf eeuwen weer verdrongen. Daarop verhief zich het land tot eene groote macht. De vorsten breidden hunne heerschappij -uit over omliggende landen, zoowel in Azië als in Afrika. +uit over omliggende landen, zoowel in Azië als in Afrika. Van de toenmalige koningen wordt vooral Ramses II of Sesostris genoemd; hij deed krijgstochten naar verre landen en bracht grooten buit huiswaarts. Na hem schijnt Egypte’s macht gedaald, en het land tot zijne natuurlijke grenzen beperkt te zijn. Toen, ongeveer zes eeuwen -later, de <span class="g">Ethiopiërs</span> van uit het zuiden binnengedrongen +later, de <span class="g">Ethiopiërs</span> van uit het zuiden binnengedrongen waren, en het boven- en middendeel van ’t land vermeesterd hadden, verhieven zich de Egyptenaren op nieuw tot omverwerping der vreemde heerschappij. Deze @@ -533,7 +496,7 @@ geregeerd (dodekarchie), onder welken Psammetichus op den voorgrond trad. Zoo ontstond er nijd en twist. Toen echter Psammetichus door gelande Grieken ondersteund werd, verdreef hij alle medebestuurders en werd -alleenbeheerscher van Egypte, ± 650 vóór Christus. Sedert +alleenbeheerscher van Egypte, ± 650 vóór Christus. Sedert kreeg het land een nieuw leven. Er ontstond een levendig verkeer met de omliggende volken, vooral met de Grieken. Ten gevolge daarvan werd zelfs eene nieuwe @@ -548,14 +511,14 @@ met hem. Hij werd door <span class="g">Nebukadnezar</span>, den krijgshaftigen koning van Babylon, overwonnen bij Circesium, 605 v. Chr., en reeds ¾ eeuw later verloor Egypte zijne onafhankelijkheid. De voorlaatste koning <span class="g">Amasis</span> -kwam in oorlog met Cambyses van Perzië (zie blz. <a href="#Page_19">19</a>), +kwam in oorlog met Cambyses van Perzië (zie blz. <a href="#Page_19">19</a>), en was nauwelijks opgevolgd door zijn zoon, of deze werd in 525 v. Chr. bij Pelusium geslagen, waarop het geheele Egyptische land eene Perzische provincie werd. Herhaaldelijk deed het pogingen om zich te bevrijden, eenmaal met tijdelijk goed gevolg, en verwisselde in 332 v. Chr. de Perzische opperheerschappij met die van -Alexander den Grooten van Macedonië (Hoofdstuk <a href="#Page_59">14</a>). +Alexander den Grooten van Macedonië (Hoofdstuk <a href="#Page_59">14</a>). Had zoo het land der pyramiden veel te lijden, het behield een onvermengd volk en handhaafde de aloude instellingen.</p> @@ -566,8 +529,8 @@ instellingen.</p> <p>1. De Perzen stonden in overouden tijd onder de heerschappij der Meden, en ook dezen waren eens, gelijk -ook de Babyloniërs, onderdanen van <span class="g">Assyrië</span>. Deze -Semietische staat toch had sedert ± 1300 v. Chr. verschillende +ook de Babyloniërs, onderdanen van <span class="g">Assyrië</span>. Deze +Semietische staat toch had sedert ± 1300 v. Chr. verschillende omliggende landen onderworpen en eeuwen lang beheerscht. De hoofdstad Nineveh was een toonbeeld van pracht en rijkdom. Zij lag aan den Tigris of @@ -575,47 +538,47 @@ Tiger, had 12 mijlen in omvang, en werd omringd door<span class="pagenum"><a nam muren met 1500 torens. Naar den naam dier stad heeft men zich een stichter gedacht, Ninus, gelijk er ook een Assur als grondlegger van den staat verdicht is. Maar -terwijl de een Ninus 9 à 10 eeuwen later plaatst dan de +terwijl de een Ninus 9 à 10 eeuwen later plaatst dan de ander, is er geen historisch bewijs voor zijn bestaan. De legende kende hem eene echtgenoote toe, Semiramis, eerst gehuwd met een’ zijner generaals, nog vroeger slavin, later heerscheres door schoonheid en geest over vorst en staat. Aan haar werden al de bovengenoemde -veroveringen van Armenië, Bactrië, Mesopotamië, enz. +veroveringen van Armenië, Bactrië, Mesopotamië, enz. enz. toegedicht, even als de hangende tuinen van Babylon. Van deze is echter de historische oorsprong anders, zooals wij beneden zullen zien. Maar hoe mythisch deze tijd ook is, d. w. z. hoezeer waarheid en verdichting vermengd zijn en ofschoon het onmogelijk is deze van -elkander te onderscheiden, daarmeê is de machtsuitbreiding -en eeuwen lange heerschappij van Assyrië over +elkander te onderscheiden, daarmeê is de machtsuitbreiding +en eeuwen lange heerschappij van Assyrië over allerlei aangrenzende en meer verwijderde volken niet geloochend. Eene reeks van vorsten uit verschillende -dynastieën worden ons genoemd, o. a. <span class="g">Salmanassar</span>, -die ± 725 v. Chr. Israël, het rijk der 10 stammen (blz. -<a href="#Page_21">21</a>), en Phoenicië onderwierp. Toen echter zijn opvolger +dynastieën worden ons genoemd, o. a. <span class="g">Salmanassar</span>, +die ± 725 v. Chr. Israël, het rijk der 10 stammen (blz. +<a href="#Page_21">21</a>), en Phoenicië onderwierp. Toen echter zijn opvolger Sanherib een ongelukkigen veldtocht naar Egypte ondernomen en ook bij de belegering van Jeruzalem een groot leger verloren had, maakten zich achtereenvolgens verschillende onderworpene landen vrij. Zoo zien wij in het -Arische <span class="g">Medië</span> 712 à 710 v. Chr. een koning Dejoces +Arische <span class="g">Medië</span> 712 à 710 v. Chr. een koning Dejoces aan ’t bewind, en in deze schoone bergstreek de sterke hoofdstad Ecbatana gesticht. Zijn opvolger Phraortes onderwierp 640 v. Chr. de stamverwante Perzen. En, -even als Medië, werd ook <span class="g">Babylonië</span> vrij van Assyrië, +even als Medië, werd ook <span class="g">Babylonië</span> vrij van Assyrië, volgens de overlevering, doordien de stadhouder Nabopolassar<span class="pagenum"><a name="Page_15" id="Page_15">[15]</a></span> zich onafhankelijk maakte. Nu was dus het groote Assyrische rijk opgelost niet alleen, maar zelfs bestemd om op zijn beurt de buit der vroeger onderworpene landen te worden. Nabopolassars zoon en mederegent -toch, <span class="g">Nebukadnezar</span> van Babylonië, en de -derde koning van Medië, <span class="g">Cyaxares</span>, verbonden zich +toch, <span class="g">Nebukadnezar</span> van Babylonië, en de +derde koning van Medië, <span class="g">Cyaxares</span>, verbonden zich tegen Niniveh, namen en verwoestten die beroemde hoofdstad, waarvan eerst sedert 35 jaren overblijfselen zijn gevonden, en verdeelden het Assyrische rijk, zoodat de Tiger de grens werd. De oostelijke of linkeroever -kwam bij Medië, de andere, dus ook de Israëlieten, bij -Babylonië. De laatstgenoemde vorst hiervan veroverde +kwam bij Medië, de andere, dus ook de Israëlieten, bij +Babylonië. De laatstgenoemde vorst hiervan veroverde ook Juda, het rijk der twee stammen. Maar onder zijne opvolgers ging ook zijn rijk ten gronde, zooals straks blijken zal.</p> @@ -636,19 +599,19 @@ onttroonde, 558. Het lag niet in zijn plan alleen den Perzen de vrijheid te hergeven en de Meden zelfstandig te laten bestaan. Neen, de vroegere heerschers moesten op hunne beurt gehoorzamen, de Perzen het -hoofdvolk, hij machtiger monarch dan iemand vóór hem +hoofdvolk, hij machtiger monarch dan iemand vóór hem worden. Na zich van de heerschappij en van de Medische onderwerping verzekerd te hebben, besteedde hij<span class="pagenum"><a name="Page_16" id="Page_16">[16]</a></span> eenige jaren aan de ten onder brenging van een aantal -oostwaarts gelegen landen, Parthië, Bactrië, Sogdiana, +oostwaarts gelegen landen, Parthië, Bactrië, Sogdiana, enz. enz. zoodat zijn scepter tot aan den Indus reikte. Daarna onderwierp hij aan de westzijde de Armenische landen tot aan den Kaukasus en den Halys (midden in -Klein-Azië, aan de noordzijde). Aan de overzijde van +Klein-Azië, aan de noordzijde). Aan de overzijde van deze rivier lag het <span class="g">Lydische</span> rijk, voortgekomen uit -een gedeelte van West-Klein-Azië, Lydië, welks vorsten +een gedeelte van West-Klein-Azië, Lydië, welks vorsten de omliggende landen onderworpen hadden, namelijk -de geheele westelijke helft van Klein-Azië, waar zich +de geheele westelijke helft van Klein-Azië, waar zich zeer veel Grieken hadden nedergezet, als in Ephesus, Smyrna, enz. In dit rijk heerschte nu koning <span class="g">Croesus</span>, die met schrik Kores’ macht tot aan zijne grenzen zag @@ -675,7 +638,7 @@ name Tellus, die veel vreugde aan zijne kinderen beleefde<span class="pagenum">< en voor het vaderland stierf, dat hem een eerzuil liet oprichten. Ik vroeg nog verder naar gelukkigen en hoorde van twee Grieksche jongelingen, die hunne moeder innig -vereerden; van mij echter zeî Solon niets. Toen kon ik +vereerden; van mij echter zeî Solon niets. Toen kon ik mijn verdriet niet langer verbergen en sprak: „O vreemdeling, acht gij dan mijn geluk zoo gering, dat gij mij niet eens met gemeene burgers in vergelijking stelt?” @@ -683,14 +646,14 @@ En Solon antwoordde: „Dikwijls is een arm man veel gelukkiger dan een rijke. En dan bedenk ik altijd, dat er in een menschelijk leven veel veranderen kan. Gij zijt nu zeer rijk en koning over een groot volk; ik kan -u echter niet den gelukkigsten mensch noemen, vóór dat +u echter niet den gelukkigsten mensch noemen, vóór dat ik verneem, dat gij uw leven ook gelukkig ten einde gebracht hebt. Bij alle dingen moet men op het einde -letten, en vóór den dood mag men niemand gelukkig +letten, en vóór den dood mag men niemand gelukkig roemen.”</p> <p>Zoo sprak de wijze Solon; maar ik verachtte hem en -liet hem nooit weêr vóór mij komen. Sedert heb ik reeds +liet hem nooit weêr vóór mij komen. Sedert heb ik reeds veel ongeluk gehad, en heden, in den grootsten nood, is Solon mij in de gedachte gekomen. Nu weet gij, o Kores, waarom ik dezen naam riep.”</p> @@ -698,9 +661,9 @@ o Kores, waarom ik dezen naam riep.”</p> <p>Kores was diep geroerd. Hij schonk Croesus het leven en hield hem als vriend en raadgever bij zich. Maar de landen, waarover Croesus geheerscht had, kwamen bij -Kores’ rijk, ± 549. Nu was er van het bekende land -van Azië maar één groote staat over, die nog niet tot -de Perzische heerschappij behoorde, Babylonië. Reeds +Kores’ rijk, ± 549. Nu was er van het bekende land +van Azië maar één groote staat over, die nog niet tot +de Perzische heerschappij behoorde, Babylonië. Reeds had het geheimzinnige schrift aan den wand Belsazar verkondigd, dat zijn rijk <i>Upharsin</i>, aan de Perzen, zou komen. Maar de hoofdstad, Babylon, was sterk en groot. @@ -722,7 +685,7 @@ ze toe aan Semiramis (blz. <a href="#Page_14">14</a>), de geschiedenis leert, dat Nebukadnezar ze had laten vervaardigen, om door den rijzenden en dalenden grond de glooiingen der bergen na te bootsen. Zijne vrouw was eene Medische prinses, -dochter van Cyaxares, en verlangde in het vlakke Babylonië +dochter van Cyaxares, en verlangde in het vlakke Babylonië terug naar de berggezichten uit haar geboorteland. — In een deel der stad, dat eene geduchte ruimte insloot, verhief zich een groote toren, die met den tempel @@ -742,7 +705,7 @@ muur door en overvielen de inwoners, die slechts aan<span class="pagenum"><a nam hunne feestelijkheid gedacht hadden. Zoo werd Kores meester van Babylon en het geheele Babylonische rijk, 538, en gaf den Israelieten verlof naar het heilige land -terug te gaan, waarmeê hunne 70 jarige Babylonische +terug te gaan, waarmeê hunne 70 jarige Babylonische ballingschap eindigde.</p> <p> </p> @@ -755,16 +718,16 @@ opgevolgd zijn door een’ jonger’ broeder, hadde hij dien niet reeds vroeger in ’t geheim laten vermoorden. Nu nam een Medisch priester de rol van dezen op, en, als hij zich had kunnen handhaven, dan waren de Meden -weêr het hoofdvolk geworden. Maar nadat Pseudo-Smerdis, +weêr het hoofdvolk geworden. Maar nadat Pseudo-Smerdis, zoo noemt het Grieksche verhaal hem, eenige maanden geregeerd had, werd hij door saamgezworenen van den troon gestooten, en <span class="g">Darius</span>, de naaste bloedverwant van Cambyses, werd heerscher. Hij kwam in Europa, trok den Donau over tegen de Scythen, onderwierp op -zijn terugtocht Thracie en Macedonië gedeeltelijk (dit +zijn terugtocht Thracie en Macedonië gedeeltelijk (dit werd de 20<sup>ste</sup> satrapie<a name="FNanchor_1_1" id="FNanchor_1_1"></a><a href="#Footnote_1_1" class="fnanchor">[1]</a> van zijn groot rijk), bedwong -de opgestane Grieken in het westen van Klein-Azië, -± 500, en vond in de hulp, die dezen uit het moederland +de opgestane Grieken in het westen van Klein-Azië, +± 500, en vond in de hulp, die dezen uit het moederland ontvangen hadden, voorwendsel en aanleiding om ook Griekenland aan te vallen. Dit stiet het Perzische rijk van het toppunt zijner macht af, zooals wij later bij @@ -797,7 +760,7 @@ goeden wereldschepper <span class="g">Ormuzd</span> nog een booze geest goede en kwade engelen. Ook Ahriman was aanvankelijk goed en werd eerst door nijd omgekeerd. Zijn element is de duisternis, gelijk dat van Ormuzd het licht is. Na -langen tijd en zware boete zal hij weêr heilig en goed +langen tijd en zware boete zal hij weêr heilig en goed worden. Als eenmaal de beheerscher van het booze geheel overwonnen is, volgt de opstanding der dooden en de verjonging der wereld.</p> @@ -821,14 +784,14 @@ Perzen, bij de <span class="g">Parsen</span> of <span class="g">Gebers</span>, n <p>De geschiedenis der <span class="g">Joden</span> mag als bekend verondersteld worden; daarom volgen hier slechts de voornaamste -jaartallen: Abraham ± 2000 v. Chr.; Jozef 1800; Mozes +jaartallen: Abraham ± 2000 v. Chr.; Jozef 1800; Mozes 1500; Salomo 1000; verdeeling van het rijk in 10 en -2 stammen 986; verwoesting van het rijk Israël door -Salmanasser, koning van Assyrië aan den Tigris, ± 725, +2 stammen 986; verwoesting van het rijk Israël door +Salmanasser, koning van Assyrië aan den Tigris, ± 725, (blz. <a href="#Page_14">14</a>); verwoesting van ’t rijk van Juda 586 door -Nebukadnezar, koning van Babylonië, aan den Eufraat +Nebukadnezar, koning van Babylonië, aan den Eufraat (blz. <a href="#Page_15">15</a>); terugkeering uit de gevangenschap 536, door -Kores, koning van Perzië (blz. <a href="#Page_19">19</a>).</p> +Kores, koning van Perzië (blz. <a href="#Page_19">19</a>).</p> <div class="footnote"> @@ -836,73 +799,73 @@ Kores, koning van Perzië (blz. <a href="#Page_19">19</a>).</p> </div> -<h2>4. De Phoeniciërs.</h2> +<h2>4. De Phoeniciërs.</h2> <p>1. Naast de Joden, aan de bergachtige kust der Middellandsche -zee, woonden de <span class="g">Phoeniciërs</span>, die in den +zee, woonden de <span class="g">Phoeniciërs</span>, die in den bijbel dikwijls vermeld worden. Hun geheele landje was nauwelijks dertig mijlen lang en hoogstens vijf mijlen -breed. Van het overige Azië was het door het hooge +breed. Van het overige Azië was het door het hooge gebergte van den Libanon gescheiden, die het in den<span class="pagenum"><a name="Page_22" id="Page_22">[22]</a></span> vorm van een halven cirkel omringt. Daar het land grootendeels onvruchtbaar, de zee daarentegen zeer vischrijk -was, zoo moesten de Phoeniciërs reeds vroegtijdig ter +was, zoo moesten de Phoeniciërs reeds vroegtijdig ter zee zich begeven. De prachtvolle cederen van den Libanon gaven hun het noodige hout tot den bouw der schepen. Hun smalle landje had voortreffelijke havens. Zoo kon -het niet missen, of de Phoeniciërs moesten spoedig tot +het niet missen, of de Phoeniciërs moesten spoedig tot scheepvaart geraken. Zij waagden zich stoutweg op de open voor hen liggende Middellandsche zee en dreven belangrijken handel. Daar zij echter de magneetnaald, die steeds naar ’t noorden wijst en zoo de hemelstreken aangeeft, nog niet hadden, moesten zij op hunne vaarten vaak landen en zich rustplaatsen kiezen. Daardoor ontstonden -nederzettingen of <span class="g">koloniën</span>, die voor den handel +nederzettingen of <span class="g">koloniën</span>, die voor den handel buitengewoon belangrijk werden.</p> <p> </p> -<p>2. De eerste landingsplaats der Phoeniciërs was wel het +<p>2. De eerste landingsplaats der Phoeniciërs was wel het nabij liggende eiland <span class="g">Cyprus</span>, waar zij zeer vroeg koperbergwerken ontdekten. Voorts voeren zij naar <span class="g">Creta</span>, het tegenwoordige <span class="g">Candia</span>, dat van hooge krijtrotsen doortrokken is. Van hier zeilden zij naar de eilanden -en kusten van Griekenland en Klein-Azië. Toen echter +en kusten van Griekenland en Klein-Azië. Toen echter de Grieken zelf een machtig volk werden en scheepvaart -dreven, wendden de Phoeniciërs zich naar <span class="g">Noord-Afrika</span>. +dreven, wendden de Phoeniciërs zich naar <span class="g">Noord-Afrika</span>. Hier stichtten zij vele steden, onder andere Hippo, Tunis en vooral <span class="g">Karthago</span>. Tegenover deze legden zij ook -op de eilanden <span class="g">Sicilië</span> en <span class="g">Sardinië</span> koloniën aan.</p> +op de eilanden <span class="g">Sicilië</span> en <span class="g">Sardinië</span> koloniën aan.</p> <p>Het gewichtigst was echter de Phoenicische handel op <span class="g">Spanje</span>. Hier was goud, zilver en andere kostbare metalen in groote menigte. De oude inwoners, die de waarde van hunne bezitting niet kenden, ruilden gaarne -met de Phoeniciërs, en dezen verzuimden niet hun voordeel<span class="pagenum"><a name="Page_23" id="Page_23">[23]</a></span> +met de Phoeniciërs, en dezen verzuimden niet hun voordeel<span class="pagenum"><a name="Page_23" id="Page_23">[23]</a></span> op het schoone land te zoeken. De hoofdzetel -van hun Spaansche koloniën was in het Zuiden, +van hun Spaansche koloniën was in het Zuiden, waar zij veel steden stichtten, b. v. <span class="g">Gades</span> (<span class="g">Kadix</span>), -<span class="g">Malaka</span>, enz. De Phoeniciërs zouden ook door de -zeeëngte van <span class="g">Gibraltar</span> naar den Atlantischen Oceaan +<span class="g">Malaka</span>, enz. De Phoeniciërs zouden ook door de +zeeëngte van <span class="g">Gibraltar</span> naar den Atlantischen Oceaan gevaren zijn en uit de <span class="g">Engelsche</span> eilanden tin, ja zelfs uit de Oostzee het barnsteen gehaald hebben.</p> <p>Behalve hun scheepvaart dreven zij een grooten handel -te land, naar Egypte, Arabië, naar den Euphraat en -verder; ook bezaten zij koloniën aan de Roode en Perzische -zee en zelfs in Indië.</p> +te land, naar Egypte, Arabië, naar den Euphraat en +verder; ook bezaten zij koloniën aan de Roode en Perzische +zee en zelfs in Indië.</p> <p> </p> -<p>3. De werkzaamheid der Phoeniciërs was voor de +<p>3. De werkzaamheid der Phoeniciërs was voor de ontwikkeling van verkeer en beschaving zeer zegenrijk. Zij verbreidden veel nuttige wetenschappen en verbeterden de uitvindingen, die zij bij andere volken aantroffen, zooals het <span class="g">letterschrift</span>, dat zij van de Egyptenaren leerden. De <span class="g">glasbereiding</span>, die het eerst door hen uitgevonden zou zijn, was reeds vroeger bij de Egyptenaren -bekend. De Phoeniciërs hebben echter de verdienste, +bekend. De Phoeniciërs hebben echter de verdienste, dat zij deze en andere nijverheidstakken vlijtig dreven en in grootere kringen bekend maakten. Zij vervaardigden uit glas verschillende vaatwerken en versierselen, @@ -920,7 +883,7 @@ de vervaardiging van <span class="g">geldstukken</span> of <span class="g">munte <p> </p> -<p>4. De <span class="g">Phoeniciërs</span> waren door hun uitgebreiden +<p>4. De <span class="g">Phoeniciërs</span> waren door hun uitgebreiden handel langzamerhand het rijkste en aanzienlijkste volk geworden. Hun vroeger zoo arm landje scheen een schoone lusthof. Alle 4 uren was een schoone hoofdstad @@ -933,24 +896,24 @@ dikwijls koningen genoemd; zij waren echter waarschijnlijk slechts hooge beambten. De oudste stad van het land was <span class="g">Sidon</span>. Beroemder dan zij, ja de beroemdste handelstad der oude wereld was <span class="g">Tyrus</span>, een kolonie -der Sidoniërs, daarom ook dochter van Sidon geheeten. +der Sidoniërs, daarom ook dochter van Sidon geheeten. In den tijd van den Joodschen koning <span class="g">David</span> stond Tyrus onder zijn koning <span class="g">Hiram</span> op het toppunt zijner macht. Het verdrag, dat <span class="g">Hiram</span> met <span class="g">Salomo</span> wegens den tempelbouw te Jeruzalem sloot, is om zijne hooge oudheid zeer merkwaardig.</p> -<p>Phoenicië was toen de markt van de geheele bekende +<p>Phoenicië was toen de markt van de geheele bekende wereld. Alles wat men om te leven of tot vermaak -noodig had, kwam uit de hand der Phoeniciërs. Welk +noodig had, kwam uit de hand der Phoeniciërs. Welk leven was er in de steden en aan de kusten! Daar waaiden de zeilen, daar snorden de raderen, daar gingen de hamers; alles leefde, bewoog zich en handelde. Steden en oevers wemelden van bezige menschen. Het land was een gelukkig land te noemen. Maar rondom woonden volken, die oorlogzuchtig waren en dikwijls -den vrede der Phoeniciërs stoorden. <span class="g">Salmanassar</span>,<span class="pagenum"><a name="Page_25" id="Page_25">[25]</a></span> -de strijdlustige koning van Assyrië, die het rijk Israël +den vrede der Phoeniciërs stoorden. <span class="g">Salmanassar</span>,<span class="pagenum"><a name="Page_25" id="Page_25">[25]</a></span> +de strijdlustige koning van Assyrië, die het rijk Israël vernietigde, onderwierp de Phoenicische steden en verdrukte ze hard. Later kwam <span class="g">Nebukadnezar</span> van Babylon en bestreed Tyrus zooals Jeruzalem. De @@ -962,7 +925,7 @@ met al hun have verlaten en waren naar een naburig eiland gevlucht, waar zij spoedig weder een nieuw Tyrus oprichtten met al de pracht van ’t oude. Dit werd de hoofdzetel van den wereldhandel en bleef het, tot dat, 300 -jaar later, de koning <span class="g">Alexander van Macedonië</span> +jaar later, de koning <span class="g">Alexander van Macedonië</span> kwam en de stad na eene belegering van zeven maanden veroverde. Hij liet haar wegens haar wanhopigen tegenstand in puinhoopen verkeeren. De inwoners werden @@ -970,21 +933,21 @@ neergesabeld, aan het kruis geslagen of als slaven verkocht. Alexander liet Tyrus wel weder opbouwen, maar de oude heerlijkheid was voorbij, want hij grondde nog in ’t zelfde jaar een stad aan den mond van den Nijl, -naar hem Alexandrië geheeten, die den handel van Tyrus +naar hem Alexandrië geheeten, die den handel van Tyrus wegtrok. Sedert dien tijd is het Phoenicische kustenland door voortdurende verzandingen tot een ware zandwoestijn geworden en armelijke visschershutten staan heden daar, waar vroeger de volkrijkste steden bloeiden.</p> -<p>Verreweg de belangrijkste van alle Phoenicische koloniën +<p>Verreweg de belangrijkste van alle Phoenicische koloniën was Karthago, op de noordkust van Afrika, oorspronkelijk eene Sidonische nederzetting, maar die van Tyrus nieuw bloed en leven kreeg, en na de rampen dezer stad op hare beurt eeuwen lang bloeide. Haar gebied strekte zich rechts en links uit en reikte diep landwaarts in. Naar ’t voorbeeld van ’t moederland coloniseerende,<span class="pagenum"><a name="Page_26" id="Page_26">[26]</a></span> -kwamen Sardinië, Corsica en de grootste westelijke helft -van Sicilië in haar bezit. Later zullen we het in den +kwamen Sardinië, Corsica en de grootste westelijke helft +van Sicilië in haar bezit. Later zullen we het in den kamp tegen Rome zien ondergaan.</p> @@ -1004,14 +967,14 @@ het noordelijke deel des lands het schiereiland <span class="g">Morea</span>, vroeger <span class="g">Peloponnesus</span> genoemd, waarbij nog vele eilanden behooren. De Grieken hadden ook talrijke nederzettingen aan de kusten van de Middellandsche zee, -voornamelijk in klein-Azië en Italië (bladz. <a href="#Page_32">32</a>.) Griekenland +voornamelijk in klein-Azië en Italië (bladz. <a href="#Page_32">32</a>.) Griekenland werd door veel kleine volksstammen bewoond, die -uit Azië afkomstig waren. Onder dezen traden langzamerhand +uit Azië afkomstig waren. Onder dezen traden langzamerhand de Hellenen op den voorgrond, wier naam nog heden -bestaat en met dien van Grieken één is. Verscheidene +bestaat en met dien van Grieken één is. Verscheidene sagen wijzen er op, dat ook vreemde volksstammen naar Griekenland kwamen, die reeds een hoogeren graad van -beschaving bezaten, namelijk uit Egypte en Phoenicië. +beschaving bezaten, namelijk uit Egypte en Phoenicië. Naast deze sagen zijn vooral beroemd die, welke van groote helden vertellen, b.v. van <span class="g">Hercules</span>.</p> @@ -1022,7 +985,7 @@ zij zich geheel menschelijk voorstelden, terwijl zij hun een hoogere macht toeschreven. De koning der goden was <span class="g">Zeus</span> of <span class="g">Jupiter</span>, die naar de schikkingen van het noodlot alles bestuurde, en met de hemellingen op den <span class="g">Olympus</span>, -een berg in <span class="g">Thessalië</span>, in het noorden van Griekenland, +een berg in <span class="g">Thessalië</span>, in het noorden van Griekenland, woonde. De bode en middelaar tusschen goden en menschen was <span class="g">Hermes</span> of <span class="g">Merkurius</span>, die met een staf en vleugels aan de hielen afgebeeld werd. De <span class="g">Muzen</span> @@ -1080,7 +1043,7 @@ Chr. beginnend, een <span class="g">olympiade</span>.</p> Perzen en Joden; zij lazen en leerden in de plaats daarvan de groote gedichten, die men een ouden zanger, <span class="g">Homerus</span> genaamd, toeschrijft en die den tocht der Grieken naar -Troje behandelen. De stad <span class="g">Troje</span> lag in Klein-Azië, aan +Troje behandelen. De stad <span class="g">Troje</span> lag in Klein-Azië, aan de westkust, en was de schouwplaats van een langen oorlog, waarover wij naar de oude verhalen iets zullen hooren.</p> @@ -1120,7 +1083,7 @@ grootste held Achilles een geruimen tijd zich geheel van den strijd terugtrok uit bitteren haat tegen Agamemnon, met wien hij twist had. Maar toen zijn boezemvriend, Patroclus, door Hector verslagen was, verhief hij zich -als een brullende leeuw en rustte niet, vóór hij Hector<span class="pagenum"><a name="Page_30" id="Page_30">[30]</a></span> +als een brullende leeuw en rustte niet, vóór hij Hector<span class="pagenum"><a name="Page_30" id="Page_30">[30]</a></span> gedood had. Het lijk van Hector liet hij door paarden sleepen, maar gaf het eindelijk op de beden van Priamus tot een plechtige begrafenis terug. Toen zich later de @@ -1130,7 +1093,7 @@ pijl van Paris.</p> <p> </p> <p>2. Nadat de Grieken 10 jaar voor Troje gestreden -hadden, werden zij de lange belegering moê en wenschten +hadden, werden zij de lange belegering moê en wenschten naar huis te gaan. Toen gaf de sluwe Odysseus den raad, de stad met list te veroveren. Men bouwde een houten paard, zoo groot als een toren en verstak daarin dertig @@ -1159,7 +1122,7 @@ begon een verwoesting, die vreeselijk was. De Trojanen streden als razenden, maar het was te vergeefs. De geheele stad werd verwoest en al het volk met Priamus en zijn zoons gedood. Slechts een klein hoopje redde zich, -waarbij de vrome <span class="g">Aeneas</span>, die eindelijk naar Italië kwam +waarbij de vrome <span class="g">Aeneas</span>, die eindelijk naar Italië kwam en hier zeer machtig werd. Menelaus bekwam zijn Helena weder, maar het schoone Troje lag in puinhoopen.</p> @@ -1180,32 +1143,32 @@ van Doris in Midden-Griekenland<a name="FNanchor_2_2" id="FNanchor_2_2"></a><a h gaven. Daarnaar noemt men ze de <span class="g">Dorische volksverhuizing</span>, maar, zooals we zoo even zeiden, het was eene algemeene verplaatsing, ten gevolge waarvan de Peloponnesus -de hoofdzetel der Doriërs werd, Attica die der -Joniërs; dit waren de twee hoofdstammen. Maar men ging<span class="pagenum"><a name="Page_32" id="Page_32">[32]</a></span> +de hoofdzetel der Doriërs werd, Attica die der +Joniërs; dit waren de twee hoofdstammen. Maar men ging<span class="pagenum"><a name="Page_32" id="Page_32">[32]</a></span> ook verder. Vele Grieken van verschillende stammen -gingen zich elders vestigen, gelijk wij ook de Phoeniciërs +gingen zich elders vestigen, gelijk wij ook de Phoeniciërs hebben zien doen, en zoo ontstonden een menigte Grieksche volkplantingen, <span class="g">nederzettingen</span>, zelfstandige republiekeinsche steden (blz. <a href="#Page_26">26</a>). Links en rechts vond men ze, als:</p> -<p>op Sicilië: <span class="g">Syracuse</span>, Agrigentum, Selinus, enz.</p> +<p>op Sicilië: <span class="g">Syracuse</span>, Agrigentum, Selinus, enz.</p> -<p>in Zuid-Italië zoo vele, dat dit naar de nieuwe bewoners +<p>in Zuid-Italië zoo vele, dat dit naar de nieuwe bewoners den naam van Groot-Griekenland kreeg, o. a. -Neapolis (nu Napels), Maloënton (later Beneventum), +Neapolis (nu Napels), Maloënton (later Beneventum), Tarente, Sybaris, Croton;</p> -<p>in Spanje Saguntum; in Gallië (Frankrijk) Marseille;</p> +<p>in Spanje Saguntum; in Gallië (Frankrijk) Marseille;</p> -<p>in Macedonië: Olynthus, Thessalonica, e. a.;</p> +<p>in Macedonië: Olynthus, Thessalonica, e. a.;</p> -<p>in Thracië Byzantium (nu Konstantinopel);</p> +<p>in Thracië Byzantium (nu Konstantinopel);</p> <p>rondom de Propontis en de Zwarte Zee, zelfs eene aan -de monding van den Don, even als deze Tanaïs geheeten;</p> +de monding van den Don, even als deze Tanaïs geheeten;</p> -<p>langs en in de Aegaeïsche zee. Vooral de laatste, aan -de westzijde van Klein-Azië, waren talrijk en bloeiend. +<p>langs en in de Aegaeïsche zee. Vooral de laatste, aan +de westzijde van Klein-Azië, waren talrijk en bloeiend. Zoo waren o. a. Smyrna, Ephesus en Miletus Ionisch, gelijk de eilanden Samos, Chios en Euboea; Aeolisch waren de eilanden Lemnos en Lesbos; Dorisch de zuidelijke @@ -1213,16 +1176,16 @@ Cycladen en Sporaden, Rhodus en Creta.</p> <div class="footnote"> -<p><a name="Footnote_2_2" id="Footnote_2_2"></a><a href="#FNanchor_2_2"><span class="label">[2]</span></a> Noord-Griekenland bestond uit Thessalië (oost) en Epirus, (west); +<p><a name="Footnote_2_2" id="Footnote_2_2"></a><a href="#FNanchor_2_2"><span class="label">[2]</span></a> Noord-Griekenland bestond uit Thessalië (oost) en Epirus, (west); </p> <p> Midden-Griekenland of Hellas van ’t oosten naar ’t westen uit: Attica -(met Athene), Megaris, Boeotië (met Thebe), Phocis, Locris, Doris, -Aetolië en Acarnanië; +(met Athene), Megaris, Boeotië (met Thebe), Phocis, Locris, Doris, +Aetolië en Acarnanië; </p> <p> -Zuid-Griekenland of de Peloponesus uit: Corinthe, Argolis, Arcadië, -Achaja, Elis, Messenië, Laconica (met Sparta).</p> +Zuid-Griekenland of de Peloponesus uit: Corinthe, Argolis, Arcadië, +Achaja, Elis, Messenië, Laconica (met Sparta).</p> </div> @@ -1233,7 +1196,7 @@ Achaja, Elis, Messenië, Laconica (met Sparta).</p> leefde een oorlogzuchtig volk, dat zijn wetten van <span class="g">Lycurgus</span> ontving. Deze beroemde man was volgens de overlevering van koninklijke afkomst en had zich op -reizen naar <span class="g">Kreta</span>, Egypte en Klein-Azië belangrijke +reizen naar <span class="g">Kreta</span>, Egypte en Klein-Azië belangrijke kennis verworven. Hij ordende de staatsregeering op de volgende wijze. Naast de twee koningen, die sedert<span class="pagenum"><a name="Page_33" id="Page_33">[33]</a></span> ouden tijd in Sparta regeerden, werd er een raad van @@ -1242,7 +1205,7 @@ moesten en door het volk voor het overige van hun leven gekozen werden. Deze raad der ouden maakte met de koningen de wetten en legde ze der volksvergadering voor. Hier mocht elk Spartaan, die 30 jaren oud was, verschijnen -en meêstemmen. Behalve dat waren er nog +en meêstemmen. Behalve dat waren er nog opzieners, die als wachters van de wetten iederen burger en iederen beambte, zelfs de koningen rekenschap konden vragen. Lykurgus deed ook zijn best, het vermogen en @@ -1277,7 +1240,7 @@ gymnastische oefeningen maken. Eerbied van jonge lieden tegenover de oudere was streng bevolen. Van veel spreken werd niet gehouden, aan korte antwoorden de voorkeur gegeven. Daardoor bekwamen de Spartanen, ook wel -<span class="g">Lakoniërs</span> geheeten, zulk een bedrevenheid in het geven +<span class="g">Lakoniërs</span> geheeten, zulk een bedrevenheid in het geven van bepaalde, korte antwoorden, dat men die nog heden <span class="g">lakonisch</span> noemt.</p> @@ -1358,7 +1321,7 @@ leermeesteres der volken werd.</p> fout hield, wenschte hij toch, dat zij minstens 10 jaar lang onveranderd nageleefd zouden worden. Toen de Atheners hem dat beloofd hadden, ging hij weder reizen, waarbij -hij ook koning Croesus van Lydië bezocht. Het duurde +hij ook koning Croesus van Lydië bezocht. Het duurde echter niet lang of er braken in Athene onordelijkheden uit en Solon moest zien, dat zijn werk niet duurzaam was. Uit verdriet daarover verliet hij zijn vaderstad en @@ -1379,7 +1342,7 @@ in Athene. Na tweemaal verdreven te zijn, nam deze (540) ten derden male de teugels van ’t bewind alleen in handen, en werd na eenige jaren opgevolgd door zijn zoon Hippias. Deze liet zooveel invloed toe aan zijn -broeder Hipparchus, dat zij gewoonlijk in één adem genoemd +broeder Hipparchus, dat zij gewoonlijk in één adem genoemd worden. Nog eenige jaren verneemt men van geen verzet tegen deze oppermacht van enkelen. Maar in 512 werd Hipparchus om eene persoonlijke reden gedood @@ -1391,7 +1354,7 @@ republiek hersteld.</p> <h2>9. De Perzische oorlogen.</h2> -<p>1. Hoewel de Grieken ter westkust van Klein-Azië +<p>1. Hoewel de Grieken ter westkust van Klein-Azië eerst onder Lydische, vervolgens onder Perzische heerschappij gekomen waren (blz. <a href="#Page_17">17</a>), bleven zij echter de vrijheid liefhebben en trachtten door een opstand het juk @@ -1406,8 +1369,8 @@ alleenheerscher, een doorn in ’t oog moest zijn. Ook werd hij, zoo verhaalt men althans, in zijn plan versterkt door den wraaklustigen Hippias. Zeker is het, dat hij eene expeditie tegen Griekenland ondernam, waarbij -het landleger niet verder dan een eindweegs in Thracië -kwam en de vloot bij ’t voorgebergte Athos in Macedonië<span class="pagenum"><a name="Page_38" id="Page_38">[38]</a></span> +het landleger niet verder dan een eindweegs in Thracië +kwam en de vloot bij ’t voorgebergte Athos in Macedonië<span class="pagenum"><a name="Page_38" id="Page_38">[38]</a></span> door storm vernield werd. Maar nu rustte hij een tweede onderneming uit, veel grooter en sterker dan de vorige en zond intusschen gezanten naar de verschillende Grieksche @@ -1420,8 +1383,8 @@ woede geen grenzen meer; zijne groote legermacht liet hij door een vloot overbrengen en in Attica landen.</p> <p>Bij de Spartanen heerschte het bijgeloof, dat zij niet -vóór de volle maan strijden mochten en daarom kwamen -zij nog niet. Slechts de kleine stad Plataeae in Boeotië +vóór de volle maan strijden mochten en daarom kwamen +zij nog niet. Slechts de kleine stad Plataeae in Boeotië zond 1000, de Atheners stelden 9000 man. Toen dit hoopje bij Marathon het groote Perzische leger zag, verloor het den moed. Maar Miltiades, een dapper @@ -1431,7 +1394,7 @@ zege over de Perzen. — 490.</p> <p>Deze gebeurtenis schrikte echter Darius nog volstrekt niet af. Hij liet drie jaar lang toebereidselen maken voor een nieuwen veldtocht, aan welks hoofd hijzelf -meêtrekken wilde. Hij werd echter door den dood overvallen. +meêtrekken wilde. Hij werd echter door den dood overvallen. Maar Xerxes, zijn opvolger, zette de toebereidselen met den zelfden ijver voort en bracht eindelijk een leger tezamen, zooals de wereld nog geen tweede gezien @@ -1457,7 +1420,7 @@ kunst meen ik te verstaan.” Themistocles had reeds vroeg ingezien, dat de oorlogen met de Perzen niet spoedig zouden eindigen. Daarom spoorde hij de Atheners aan, voor hunne verdediging te zorgen en vooral eene -sterke vloot uit te rusten. Ook rustte hij niet, vóór +sterke vloot uit te rusten. Ook rustte hij niet, vóór Sparta en Athene zich nauw vereenigd en ook de overige staten zich daarbij aangesloten hadden. De eer der hoogste leiding in den krijg (hegemonie) tegen de Perzen viel den @@ -1470,7 +1433,7 @@ Oeta-gebergte aan de eene en de zee aan de andere zijde slechts een lang smal pad overlaat, dat naar het hart van ’t land voert, daar, bij den engen pas van Thermopylae, sloeg de Spartaansche koning Leonidas zich met -8000 Grieken neêr, om de naderende Perzen te bestrijden. +8000 Grieken neêr, om de naderende Perzen te bestrijden. Toen Xerxes dat hoorde, verwonderde hij zich niet weinig en zond boden af, die van de Grieken de wapens opeischten. „Kom ze halen”, was het laconische @@ -1509,10 +1472,10 @@ wetten, hier verslagen liggen.”</p> <p> </p> <p>4. Nadat de dappere Leonidas bezweken was, trad -de wijze <span class="g">Themistocles</span> weêr op. Toen de Perzen +de wijze <span class="g">Themistocles</span> weêr op. Toen de Perzen door genoemden pas in Hellas doorgedrongen waren, begreep hij, dat Athene ook den geduchten aanval van -dat volk geen weêrstand kon bieden, en overreedde daarom +dat volk geen weêrstand kon bieden, en overreedde daarom zijne medeburgers, de stad te verlaten en zich op schepen te redden. Toen verhuisden de vrouwen en<span class="pagenum"><a name="Page_41" id="Page_41">[41]</a></span> kinderen naar de naburige kusten en eilanden; maar de @@ -1549,7 +1512,7 @@ land te drijven, gebruikte Themistocles eene nieuwe list. Hij liet aan Xerxes zeggen: „De Grieken zijn van plan, de brug over den Hellespont af te breken.” — Deze brug was voor den overtocht van het Perzische leger<span class="pagenum"><a name="Page_42" id="Page_42">[42]</a></span> -over eene smalle zeeëngte (de straat der Dardanellen) +over eene smalle zeeëngte (de straat der Dardanellen) geslagen. — Xerxes verschrikte en vlood in aller ijl. Hij verloor daarbij een belangrijk gedeelte van zijn landleger, dat vooral door gebrek aan levensmiddelen en @@ -1586,11 +1549,11 @@ het Perzische leger bij Plataeae, waar Mardonius viel en waar een groote buit behaald werd. — Op denzelfden<span class="pagenum"><a name="Page_43" id="Page_43">[43]</a></span> dag, zoo verhaalt men, gelukte het den Grieken, de Perzische vloot bij het voorgebergte <span class="g">Mykale</span> aan de kust -van klein-Azië geheel te vernietigen. Sedert dien tijd +van klein-Azië geheel te vernietigen. Sedert dien tijd was Griekenland weder vrij. — 479.</p> <p>Door het welslagen hunner pogingen aangemoedigd, -waagden de Grieken nu, naar Klein-Azië te gaan om hun +waagden de Grieken nu, naar Klein-Azië te gaan om hun broeders daar van het Perzische juk te bevrijden. Aan het hoofd van de vloot der bondgenooten stond Pausanias, de Spartaansche koning en veldheer, die spoedig overwinningen @@ -1657,13 +1620,13 @@ de opperheerschappij in Griekenland kreeg. Maar niettegenstaande alle verdiensten moest hij eindelijk als offer van ’t schervengerecht vallen. De verbitterde Spartanen klaagden hem aan van verstandhouding met de Perzen, -en rustten niet, vóór hij verbannen werd. En toen +en rustten niet, vóór hij verbannen werd. En toen Themistocles op geene plaats van Griekenland meer veilig -was, vluchtte hij naar Perzië. De opvolger van Xerxes +was, vluchtte hij naar Perzië. De opvolger van Xerxes nam hem vriendelijk op en hoopte van hem voordelen te erlangen. Toen Themistocles echter zag, dat hij tegen zijn vaderland werken moest, besloot hij liever te sterven -en nam vergif. Te Magnesia in Klein-Azië werd hem +en nam vergif. Te Magnesia in Klein-Azië werd hem een kostbaar gedenkteeken opgericht; zijn gebeente zou echter, op zijn eigen verlangen, heimelijk naar Griekenland gebracht zijn.</p> @@ -1673,11 +1636,11 @@ gebracht zijn.</p> <p>1. De oorlogen, die tot bevrijding der Grieken in -Klein-Azië tegen de Perzen gevoerd werden, waren door +Klein-Azië tegen de Perzen gevoerd werden, waren door <span class="g">Cimon</span>, den zoon van Miltiades, tot een gelukkig einde gebracht. Tien jaren na de slagen van Plataeae en Mykale sloeg hij de Perzische zee- en landmacht bij de Eurymedon -in Klein-Azië en twintig jaar later op nieuw bij de stad +in Klein-Azië en twintig jaar later op nieuw bij de stad Salamis op Cyprus 449. De vier en veertigjarige Perzische oorlog was geeindigd, en Griekenland stond daar groot en machtig. Omstreeks dezen tijd trad te Athene een @@ -1751,7 +1714,7 @@ en Pericles was de ziel van ’t geheel. Het anders zoo heerschzuchtige volk liet zich gaarne door hem leiden. Wat hij aanried, geschiedde; wat hij sprak, dat gold. „Hij draagt den donder en bliksem op zijne tong,” zeiden de -Atheners, en noemden hem niet anders, dan den <span class="g">Olympiër</span>, +Atheners, en noemden hem niet anders, dan den <span class="g">Olympiër</span>, d. i. den hemelschen.</p> <p> </p> @@ -1793,7 +1756,7 @@ woedde de pest.</p> <p>Toen nam het wankelmoedige volk hem het opperbevel<span class="pagenum"><a name="Page_49" id="Page_49">[49]</a></span> af, en veroordeelde hem tot eene geldboete van 15 -talenten (ongeveer 37.500 gld., daar een talent ± 2500 +talenten (ongeveer 37.500 gld., daar een talent ± 2500 gld. was).</p> <p>Dit ongeval verdroeg Pericles met gelatenheid. Maar @@ -1841,19 +1804,19 @@ was moedwillig en stout, maar had ook eene, zelfs in Athene, zeldzame welsprekendheid. Bij zijne geweldige zucht tot onderscheiding en roem was niets hem gewenschter dan oorlog. Toen zich nu eene gelegenheid aanbood op -Sicilië eene Ionische stad tegen een Dorische bij te staan, +Sicilië eene Ionische stad tegen een Dorische bij te staan, wendde Alcibiades dadelijk al zijne welsprekendheid aan -om de Atheners tot een tocht daarheên te bewegen. De +om de Atheners tot een tocht daarheên te bewegen. De veldheer Nicias, die kort te voren een vrede met de Spartanen bewerkt had, ried even als andere mannen den oorlog af. Het volk liet zich echter door Alcibiades medesleepen; het besloot tot den tocht, en koos Alcibiades tot aanvoerder daarvan. Nauwelijks echter had deze het -eerste succes op Sicilië behaald, of hij werd weêr teruggeroepen. +eerste succes op Sicilië behaald, of hij werd weêr teruggeroepen. Hij was namelijk aangeklaagd, in den nacht -vóór zijn vertrek de vele standbeelden van den god Hermes +vóór zijn vertrek de vele standbeelden van den god Hermes of Mercurius verminkt te hebben. Toen verliet hij het -eiland Sicilië, ging evenwel niet naar Athene, maar naar +eiland Sicilië, ging evenwel niet naar Athene, maar naar Sparta, in de legerplaats der oude vijanden. Toen de Atheners hem daarop ter dood veroordeelden, zeide hij: „Ik zal hun toonen dat ik nog leef,” en hij hield schrikkelijk @@ -1864,7 +1827,7 @@ geheel naar de strenge wetten van dat volk en verwierf zich spoedig het vertrouwen daarvan. Uit wraak tegen de Atheners spoorde hij de Spartanen aan, den gesloten<span class="pagenum"><a name="Page_51" id="Page_51">[51]</a></span> vrede te verbreken en de Atheensche onderneming op -Sicilië te gaan bestrijden. Toen was het geluk der Atheners +Sicilië te gaan bestrijden. Toen was het geluk der Atheners uit. Zij werden geslagen en hunne vloot vernield. Het hoog gestegen Athene lag in het stof.</p> @@ -1872,9 +1835,9 @@ Het hoog gestegen Athene lag in het stof.</p> <p>2. Intusschen haalde Alcibiades zich door zijn opbruisenden zin in Sparta veel vijanden op den hals en zag -zich genoodzaakt de vlucht te nemen. Hij ging naar Klein-Azië, -waar Atheners en Spartanen elkaâr den voorrang -betwistten in de van Perzië bevrijde deelen, en dat het +zich genoodzaakt de vlucht te nemen. Hij ging naar Klein-Azië, +waar Atheners en Spartanen elkaâr den voorrang +betwistten in de van Perzië bevrijde deelen, en dat het tooneel van het derde tijdvak des Peloponesischen oorlogs werd. Toen werd hij door de bemanning der Atheensche vloot zelve met het opperbevel over deze bekleed. Met @@ -1888,7 +1851,7 @@ toevertrouwd, terwijl hij iets met de Perzen te verhandelen had. Dadelijk overviel toen de Spartaansche veldheer Lysander de Atheners en versloeg ze. Ten gevolge dezer nederlaag zetten de Atheners, veranderlijk -als het weêr, Alcibiades af, die zich naar Klein-Azië +als het weêr, Alcibiades af, die zich naar Klein-Azië terugtrok. Hier moest hij zien hoe de Atheners, die zijne waarschuwing verachtten, geheel verslagen werden en hoe Athene, die trotsche stad, veroverd en mishandeld @@ -1899,7 +1862,7 @@ worden. Wijl dezen hem zeer vreesden, zoo waagden zij niet tegen hem op te treden. Zij staken daarom ’s nachts zijne woning aan, om hem levend te verbranden.<span class="pagenum"><a name="Page_52" id="Page_52">[52]</a></span> En toen Alcibiades zich met het zwaard in de vuist door -de vlammen heên een weg baande, vloden zij verschrikt, +de vlammen heên een weg baande, vloden zij verschrikt, tot het hun eindelijk uit de verte gelukte, den geduchten strijder zoo met pijlen te overstelpen, dat hij doorboord ter aarde zonk. Alcibiades bood een trouw beeld van @@ -1961,7 +1924,7 @@ hun geliefden leermeester te zijn. <span class="g">Euclides</span> van Megara kwam vier mijlen ver tot Socrates. En toen eens de Atheners tegen de Megarensers oorlog voerden en elk van hen op straffe des doods verboden in de stad te -komen, sloop Euclides dikwijls in vrouwenkleêren door +komen, sloop Euclides dikwijls in vrouwenkleêren door de poort, om naar Socrates te hooren. <span class="g">Xenophon</span>, een ander leerling, dien Socrates op den openbaren weg voor zijn onderwijs gewonnen had, verzekerde later van @@ -1973,7 +1936,7 @@ versterking en kracht in al wat goed is.”</p> <p>Socrates verstond de kunst, op de gemakkelijkste en eenvoudigste manier te onderwijzen. Hij stelde vragen, waardoor hij tot nadenken dwong, en leidde het in gesprekken -daarheên, dat men de diepste leeringen opdeed. +daarheên, dat men de diepste leeringen opdeed. Zijn onderwijs was gratis en daarom voor allen toegankelijk. Socrates sprak ook tot de volwassenen op de markt en op de straten, en werd daardoor zeer bekend. @@ -1997,13 +1960,13 @@ jaar niets hem meer aan het harte gelegen had, dan zijne medeburgers deugdzamer en gelukkiger te maken, en dat hij hiertoe de goddelijke roeping in zich gevoeld had. Eene zoo vrijmoedige verdediging verbitterde de -rechters. Zij zonden hem voorloopig weêr naar de gevangenis. +rechters. Zij zonden hem voorloopig weêr naar de gevangenis. Hier bracht een vriend, <span class="g">Lysias</span>, hem eene schoone verdedigingsrede (apologie); die moest hij uitspreken. Socrates las ze en vond ze schoon. „Maar, zeide hij, als gij mij zachte en prachtige sokken bracht, zou ik ze<span class="pagenum"><a name="Page_55" id="Page_55">[55]</a></span> niet aantrekken, omdat ik ze voor onmannelijk houd.” -Daarmeê gaf hij de rede terug. In de eerstvolgende +Daarmeê gaf hij de rede terug. In de eerstvolgende vergadering van ’t gerecht werd het lot van Socrates beslist. Eene meerderheid van drie stemmen slechts veroordeelde hem tot den dood. Socrates bleef rustig, maar @@ -2038,7 +2001,7 @@ lachend: „Wildet gij dan liever, dat ik schuldig stierve?”</p> <p>Toen op den laatsten avond alle vrienden bijeen waren,<span class="pagenum"><a name="Page_56" id="Page_56">[56]</a></span> nam <span class="g">Krito</span> het woord en zeide: „Zeg ons, welke opdracht -laat gij mij en dezen uwen vrienden na? Waarmeê +laat gij mij en dezen uwen vrienden na? Waarmeê kunnen wij naar uw welgevallen leven?” De grijsaard antwoordde: „Als gij zoo leeft, als ik u sedert lang aanbevolen heb. Ik behoef hier niets meer bij te voegen.” @@ -2077,11 +2040,11 @@ bekend is, waar vrienden der wijsheid wonen.</p> Spartanen geene grenzen meer. Zij hielpen hunne stamgenooten in het naburige werelddeel tegen de Perzen, en hun koning Agesilaus veroverde de geheele westelijke -helft van Klein-Azië. De Perzische koning verwekte toen +helft van Klein-Azië. De Perzische koning verwekte toen een oorlog van Korinthe en andere Grieksche staten tegen Sparta (Korinthische oorlog), waarin de zegepraal wisselvallig was. Maar de Spartanen gaven liever hunne -overwinningen in Azië op dan hunne overmacht in Griekenland, +overwinningen in Azië op dan hunne overmacht in Griekenland, en sloten daarom in 387 den vrede van Antalcidas, den bewerker, die aan den Grieksch-Perzischen oorlog en aan dien der Grieken onderling een einde @@ -2144,21 +2107,21 @@ andere, tot er eindelijk een vreemde heerschappij kwam, die alles onderwierp.</p> -<h2>14. Alexander van Macedonië — 333 v. Chr.</h2> +<h2>14. Alexander van Macedonië — 333 v. Chr.</h2> <p>1. Terwijl de Grieken zich door hun binnenlandsche oorlogen altijd meer verzwakten, kwam er hoog uit het Noorden een zwaar onweder op hen aanzetten. Daar had zich aan de grens van Griekenland uit een zeer -kleinen oorsprong het koninkrijk Macedonië gevormd, dat +kleinen oorsprong het koninkrijk Macedonië gevormd, dat onder Philips II belangrijke macht verkreeg. Deze werkzame en sluwe vorst, die in Thebe bij Epaminondas opgevoed was, kende de Grieksche omstandigheden zoo goed, dat hij zich spoedig de opperheerschappij in Griekenland verwierf. Vergeefs had de beroemde redenaar <span class="g">Demosthenes</span> te Athene op het gevaar gewezen, dat -van Macedonië dreigde; de Grieken streden te laat: +van Macedonië dreigde; de Grieken streden te laat: Philips was overwinnaar; hij behandelde echter de overwonnenen met veel verschooning en liet hun veel vrijheid. Hij bracht het zoover, dat de Grieken hem in een tocht @@ -2226,7 +2189,7 @@ was, zou ik wel Diogenes willen zijn.”</p> <p> </p> <p>3. Toen Alexander met een klein, maar wel toegerust -leger naar Azië ging, om de Perzen te beoorlogen, zocht +leger naar Azië ging, om de Perzen te beoorlogen, zocht hij de plaatsen op, waar hij zoo dikwijls in den geest vertoefd had, als hij de gedichten van Homerus las. Op het slagveld van Troje tooide hij het gedenkteeken @@ -2235,14 +2198,14 @@ dichter als Homerus ook zijne daden verheerlijken mocht. Toen voerde hij zijn leger oostwaarts naar de nabijzijnde rivier <span class="g">Granikus</span>. Daar wachtte hem een machtig Perzisch leger. Zonder toeven leverde Alexander met zijne -manschappen een slag, die hem tot heer van Klein-Azië +manschappen een slag, die hem tot heer van Klein-Azië maakte. Spoedig daarop stiet hij op een tweede leger der Perzen, dat door hun koning Darius Kodomannus zelf werd aangevoerd. Deze werd echter zoo geslagen bij Issus 333, dat hij ijlings vluchtte en zijne familie in handen van den<span class="pagenum"><a name="Page_62" id="Page_62">[62]</a></span> overwinnaar liet, die haar echter vriendelijk behandelde.</p> -<p>Hierop trok Alexander door Syrië en Phoenicië, waar +<p>Hierop trok Alexander door Syrië en Phoenicië, waar de eene stad na de andere zich overgaf. Alleen Nieuw-Tyrus bood tegenstand en werd daarom aan de verwoesting prijs gegeven. Op zijn verderen tocht kwam Alexander @@ -2251,15 +2214,15 @@ Joden met den hoogepriester aan het hoofd, en leidden hem ook in den tempel. De Egyptenaren, die de Perzische heerschappij lang gedragen en gehaat hadden (blz. <a href="#Page_13">13</a>), ontvingen Alexander vriendelijk, en kregen daarvoor -groote gunstbewijzen. Zoo stichtte hij Alexandrië (blz. <a href="#Page_6">6</a>).</p> +groote gunstbewijzen. Zoo stichtte hij Alexandrië (blz. <a href="#Page_6">6</a>).</p> <p>Door nieuwe krijgsvolken versterkt, ging Alexander -naar Azië terug, om nogmaals de Perzen te bestrijden. +naar Azië terug, om nogmaals de Perzen te bestrijden. Darius bood eene schikking aan, maar Alexander wilde alleenheerscher zijn. Toen kwam het bij <span class="g">Gaugamela</span> en <span class="g">Arbela</span> tot een geduchten slag, waarin de Perzen volkomen geslagen werden. Darius vluchtte en werd -door Alexander vervolgd. Vóór deze hem echter bereikte, +door Alexander vervolgd. Vóór deze hem echter bereikte, was Darius op last van een Perzischen satraap gedood. Deze daad werd door Alexander streng gestraft, terwijl hij het lijk van Darius in de koninklijke groeve te Persepolis @@ -2271,14 +2234,14 @@ inname der verschillende hoofdsteden Babylon, Susa, Persepolis en Ecbatana. De eerstvolgende jaren werden besteed aan het onderwerpen van al de oostelijke deelen van het Perzische rijk, de uitgestrekte landen tusschen -het eigenlijke Medo-Perzië en den Indus, en daarop drong -men tot <span class="g">Indië</span> door.</p> +het eigenlijke Medo-Perzië en den Indus, en daarop drong +men tot <span class="g">Indië</span> door.</p> <p> </p> <p>4. Dit door de natuur zoo rijk begiftigde land had wel<span class="pagenum"><a name="Page_63" id="Page_63">[63]</a></span> reeds veel van zich doen spreken, maar toch was de -kennis er van nog zeer gering. De Indiërs hadden reeds +kennis er van nog zeer gering. De Indiërs hadden reeds vroeg eene hooge mate van ontwikkeling bereikt, zooals blijkt uit hunne heilige taal, het Sanskriet, de oudste zuster aller Indo-Germaansche talen, tevens de sleutel @@ -2291,13 +2254,13 @@ mocht laten ter dood brengen. Hunne heilige boeken, Vedas (d. i. Weten) genaamd, zijn in ’t Sanskriet geschreven. Hunne hoofdgodheid was <span class="g">Brahma</span>, de schepper, die met <span class="g">Vishnoe</span>, den onderhouder, en <span class="g">Civa</span>, den -verdelger, eene drieëenheid vormde, waarvan echter eerst +verdelger, eene drieëenheid vormde, waarvan echter eerst in den lateren tijd gesproken wordt. Een hoofddenkbeeld hunner leer was de onsterfelijkheid der ziel. De zielsverhuizing was een toestand, waarin de boozen na hun dood tijdelijk verkeerden. Het tegenovergestelde van onsterfelijkheid leerde het <span class="g">Boeddhisme</span>, een godsdienst, -die omstreeks 600 of 500 v. C. in Vóór-Indië ontstond, +die omstreeks 600 of 500 v. C. in Vóór-Indië ontstond, en genoemd is naar den stichter. Deze, een koningszoon, had zich, na eenigen tijd van weelderig leven, jaren lang aan de eenzaamheid en het nadenken gewijd @@ -2310,40 +2273,40 @@ van een aantal deugden. Zijne aanhangers noemden hem den wijzen, <span class="g">Boeddha</span>. Hij maakte de grenslijnen tusschen de eerste kaste en de drie andere, die der krijgers,<span class="pagenum"><a name="Page_64" id="Page_64">[64]</a></span> handelaars en werklieden veel minder scherp dan -het brahmaïsme. Hierom reeds, en vooral om de tegenovergestelde +het brahmaïsme. Hierom reeds, en vooral om de tegenovergestelde meening ten aanzien van het al of niet sterfelijke der ziel bestonden de twee godsdiensten volstrekt niet, zooals velen meenen, eendrachtig naast elkander, maar stonden integendeel hevig vijandig tegenover elkander. De onderlinge haat voerde tot hevige oorlogen, van de 3<sup>de</sup> tot de 7<sup>de</sup> eeuw onzer jaartelling, ten gevolge waarvan -het boeddhisme uit Indië zoo goed als geheel verdrongen +het boeddhisme uit Indië zoo goed als geheel verdrongen werd. Maar het had een uitgebreiden aanhang gevonden in China, Japan e. a. l., en breidde zich voortdurend zoo uit, dat het tegenwoordig 500 millioen belijders telt.</p> -<p>Verder dan den noordwestelijken hoek van Vóór-Indië +<p>Verder dan den noordwestelijken hoek van Vóór-Indië is Alexander met zijne troepen niet geweest. In dien hoek ontstaat de Indus uit de samenvloeiing van vijf rivieren, waarnaar de landstreek Pendsjab, het vijfstroomenland, heet. Bij een van de oostelijkste dier rivieren, de -Hyphasis, sloegen zijne Macedoniërs aan het morren en verklaarden, +Hyphasis, sloegen zijne Macedoniërs aan het morren en verklaarden, niettegenstaande alle verzoeken en bedreigingen, niet verder te willen trekken. Zoo was Alexander genoodzaakt, -zijne plannen ten aanzien van Indië op te geven en +zijne plannen ten aanzien van Indië op te geven en terug te keeren. Een groot deel van het leger zeilde onder den bekwamen Nearchus den Indus af en over de kustenzee naar den mond van Tiger en Eufraat, terwijl Alexander met het andere deel langs den Indus naar het zuiden trok, en -vervolgens over Gedrosië enz. terugkeerde naar Babylon.</p> +vervolgens over Gedrosië enz. terugkeerde naar Babylon.</p> <p> </p> <p>5. Hier rustend, wilde de beheerscher van het grootste rijk, dat de wereld ooit aanschouwd had, alle onderworpene -volken tot één groot geheel samensmelten en uit +volken tot één groot geheel samensmelten en uit de oude hoofdstad aan den Eufraat den ganschen staat -besturen, waartoe hij de Perzische indeeling in satrapieën<span class="pagenum"><a name="Page_65" id="Page_65">[65]</a></span> +besturen, waartoe hij de Perzische indeeling in satrapieën<span class="pagenum"><a name="Page_65" id="Page_65">[65]</a></span> had overgenomen. Om de harten zijner nieuwe onderdanen te winnen, leefde hij geheel naar Perzisch gebruik. Daarbij werd hij, als een Perzisch grootmachtig koning, @@ -2355,7 +2318,7 @@ werd Alexander zoo door toorn overweldigd, dat hij eene lans greep en zijn ouden vriend doorboorde. Hierop ontnuchterd, want het feit was gepleegd op eene partij, waar men te veel aan god Bacchus had geofferd, betreurde -de koning zijne daad ten zeerste. Vóórdat hij de beoogde +de koning zijne daad ten zeerste. Vóórdat hij de beoogde eenheid in het groote wereldrijk had kunnen tot stand brengen, nam een hevige koorts, die hij zich door inspanningen en zwelgerijen op den hals gehaald had, hem @@ -2364,34 +2327,34 @@ Nu was het onder de grootwaardigheidsbekleeders een algemeen streven van den een om in Alexanders plaats te treden, van den ander om zich onafhankelijk te maken. Het meest traden de satrapen in ’t westen op den voorgrond, -als die van Macedonië, Lysimachus van Thracië, -Ptolemaeus van Egypte, Seleucus van Syrië, vooral Antigonus -van Phrygië, die over de anderen wilde heerschen. +als die van Macedonië, Lysimachus van Thracië, +Ptolemaeus van Egypte, Seleucus van Syrië, vooral Antigonus +van Phrygië, die over de anderen wilde heerschen. Daarom verbonden dezen zich tegen hem en in 301 werd hij bij Ipsus<a name="FNanchor_3_3" id="FNanchor_3_3"></a><a href="#Footnote_3_3" class="fnanchor">[3]</a> in zijn eigen land geslagen. Hij -stierf en zijne landen werden verdeeld tusschen Thracië -en Syrië. Twintig jaar later werd Lysimachus eveneens +stierf en zijne landen werden verdeeld tusschen Thracië +en Syrië. Twintig jaar later werd Lysimachus eveneens verslagen door Seleucus, die de Aziatische landen van -zijn overwonneling annexeerde, terwijl Thracië zelf bij<span class="pagenum"><a name="Page_66" id="Page_66">[66]</a></span> -Macedonië kwam. Zoo waren er dus nu van Alexanders +zijn overwonneling annexeerde, terwijl Thracië zelf bij<span class="pagenum"><a name="Page_66" id="Page_66">[66]</a></span> +Macedonië kwam. Zoo waren er dus nu van Alexanders wereldrijk in elk der drie werelddeelen hoofdzakelijk even zooveel groote staten overgebleven, want de Grieksche -landen stonden in betrekking tot Macedonië, al vormden +landen stonden in betrekking tot Macedonië, al vormden de deelen van Hellas het Aetolisch, die van den Peloponnesus -het Achaeïsch verbond.</p> +het Achaeïsch verbond.</p> <p>Van het Syrische rijk, dat zich uitstrekte van de Aegaeische zee tot aan den Indus, scheidden zich achtereenvolgens -verschillende deelen af, als Pergamus, Parthië -en Bactrië. Het laatste werd anderhalve eeuw vóór onze +verschillende deelen af, als Pergamus, Parthië +en Bactrië. Het laatste werd anderhalve eeuw vóór onze jaartelling met het voorlaatste vereenigd, en machtig werd het rijk der Parthen, tusschen Tiger en Indus. Daar het eerst in ’t midden der 7<sup>de</sup> eeuw onzer jaartelling -bezweek voor de Arabische macht, weêrstond het zelfs +bezweek voor de Arabische macht, weêrstond het zelfs de machtige heerschappij der Romeinen, in welke overigens alle bovengenoemde staten opgingen, als: het Aetolisch -verbond 189, het Achaeisch 146, twee jaar na Macedonië, -Pergamus 133, Syrië 64, Egypte 31 v. C.</p> +verbond 189, het Achaeisch 146, twee jaar na Macedonië, +Pergamus 133, Syrië 64, Egypte 31 v. C.</p> <div class="footnote"> @@ -2403,9 +2366,9 @@ Pergamus 133, Syrië 64, Egypte 31 v. C.</p> <p>1. De stad <span class="g">Rome</span> ontstond in Latium, midden in -het schoone schiereiland Italië, als noordelijkste stad in +het schoone schiereiland Italië, als noordelijkste stad in dat landschap en misschien ook wel als vesting tegen de -naburige Etruriërs. Het tijdstip van de stichting der stad +naburige Etruriërs. Het tijdstip van de stichting der stad is hoogst onzeker, maar was volgens de legende 753 v. C., met welk jaar hunne tijdrekening aanvangt. Als stichter en eersten koning wordt eveneens door de legende @@ -2416,30 +2379,30 @@ verdreven hebben en dergelijke. Van zijne opvolgers wordt <span class="g">Numa Pompilius</span> geroemd, die evenals de Spartaansche Lycurgus wijze wetten gegeven had. De koningen werden gekozen door eene volksvergadering van aanzienlijken, -<span class="g">patriciërs</span>. Behalve dezen spreekt de overlevering +<span class="g">patriciërs</span>. Behalve dezen spreekt de overlevering nog van vijf koningen, waarvan de beide laatsten waren <span class="g">Servius Tullius</span> en <span class="g">Tarquinius Superbus</span> d. i. de overmoedige of trotsche. Eerstgenoemde verdeelde -het volk in centuriën, waaruit later eene nieuwe volksvergadering +het volk in centuriën, waaruit later eene nieuwe volksvergadering ontstond, laatstgenoemde maakte zich wreed en willekeurig van den troon meester, en verbitterde de -patriciërs tegen zich. Het gevolg was, dat dezen hem +patriciërs tegen zich. Het gevolg was, dat dezen hem verdreven 509. Daarop werd het koningschap afgeschaft, -en een republiek ingesteld. De vergadering der centuriën +en een republiek ingesteld. De vergadering der centuriën werd de zetel van ’t hoogste gezag; daar werd over oorlog en vrede, evenals over hooge aangelegenheden, beslist; -daar werden uit de patriciërs de <span class="g">consuls</span> benoemd. +daar werden uit de patriciërs de <span class="g">consuls</span> benoemd. Dit waren de hoogste staatsambtenaren, ten getale van -twee, voor één jaar gekozen. Zij werden bijgestaan door +twee, voor één jaar gekozen. Zij werden bijgestaan door eene raadgevende vergadering, de <span class="g">senaat</span>, van 300 patricische leden, die ook aandeel aan ’t uitvoerend -bewind had. Was b. v. door de vergadering der centuriën +bewind had. Was b. v. door de vergadering der centuriën tot oorlog besloten, dan regelde de senaat het plan voor den veldtocht, benoemde de officieren van hoogeren en lageren rang, en dergelijke. In den eersten tijd had de lagere volksklasse, de <span class="g">plebejers</span>, geen aandeel aan ’t bewind. Eerst langzamerhand hebben zij zich gelijke -rechten als de patriciërs verworven. Het eerste daarvan +rechten als de patriciërs verworven. Het eerste daarvan was verdedigers, volkstribunen, te hebben — 494, een der belangrijkste, dat een der beide consuls uit hunne klasse moest zijn — 367, en het meest omvattende, dat de<span class="pagenum"><a name="Page_68" id="Page_68">[68]</a></span> @@ -2464,8 +2427,8 @@ waren.</p> <p> </p> -<p>2. Van de overige volken van midden-Italië traden -vooral de Etruriërs of <span class="g">Etruscen</span> op den voorgrond. +<p>2. Van de overige volken van midden-Italië traden +vooral de Etruriërs of <span class="g">Etruscen</span> op den voorgrond. Zij onderscheidden zich door kunstvaardigheid, daar zij eigenaardige bouw- en beeldwerken vervaardigden, vooral in leem, die nog heden de bewondering opwekken. De @@ -2473,15 +2436,15 @@ zuidelijkste stad in hun uitgestrekt landschap was Veji, dat aan den rechteroever van den Tiber lag. Daar de Romeinen sedert oude tijden met deze stad in vijandschap leefden, belegerden zij haar omstreeks 400, en rustten niet -vóór zij ze veroverden. In dezen strijd, die 10 jaar zou +vóór zij ze veroverden. In dezen strijd, die 10 jaar zou geduurd hebben, onderscheidde zich de veldheer Camillus, die een grooten triomftocht in Rome hield. Maar toen hij belasterd werd en de volksgunst verloor, ging hij vrijwillig<span class="pagenum"><a name="Page_69" id="Page_69">[69]</a></span> in ballingschap, waaruit hij echter spoedig teruggeroepen werd.</p> -<p>De <span class="g">Galliërs</span>, uit het tegenwoordige Frankrijk stammend, -hadden zich in opper-Italië gevestigd, van waar +<p>De <span class="g">Galliërs</span>, uit het tegenwoordige Frankrijk stammend, +hadden zich in opper-Italië gevestigd, van waar zij later naar het zuiden voortdrongen en algemeenen schrik verwekten. De Romeinen zonden daarop een gezantschap aan den Gallischen aanvoerder <span class="g">Brennus</span>, en lieten hem @@ -2490,35 +2453,35 @@ viel. Toen antwoordde de trotsche man: „Het recht rust op de spits van onze zwaarden; aan de dapperen behoort de wereld.” Over zoodanig antwoord verontrust, verhieven de Romeinen zich tot den strijd. Zij werden -echter geslagen, 390, en de Galliërs togen naar Rome. +echter geslagen, 390, en de Galliërs togen naar Rome. Hier vonden zij eene ledige stad, want de Romeinen waren deels in naburige plaatsen, deels op den burg der stad, het kapitool, gevloden. Slechts tachtig oude senatoren waren achtergebleven. Dezen werden door de -Galliërs verslagen en de geheele stad verwoest.</p> +Galliërs verslagen en de geheele stad verwoest.</p> <p>Na eene vergeefsche bestorming van het kapitool liet Brennus het insluiten om het uit te hongeren. Gedurende -dezen tijd zouden de Galliërs eens bijna den burg bestegen +dezen tijd zouden de Galliërs eens bijna den burg bestegen hebben. Maar toen hieven, zoo verhaalt men, de ganzen, die op het kapitool gehouden werden ter eere der godin Juno, zulk een gesnater aan, dat de Romeinen ontwaakten en de vijanden verdreven. Nadat de belegering reeds zeven maanden geduurd had, begon men -te onderhandelen. De Galliërs waren daartoe genegen, +te onderhandelen. De Galliërs waren daartoe genegen, omdat zij van buiten aangevallen werden, vooral door -Camillus, die zijne vaderstad weêr in den nood bijstond. +Camillus, die zijne vaderstad weêr in den nood bijstond. Brennus beloofde, het land te ontruimen, als hij 1000 pond goud kreeg. Het werd bewilligd. Bij het afwegen -gebruikten de Galliërs echter valsche gewichten, en toen<span class="pagenum"><a name="Page_70" id="Page_70">[70]</a></span> +gebruikten de Galliërs echter valsche gewichten, en toen<span class="pagenum"><a name="Page_70" id="Page_70">[70]</a></span> de Romeinen zich daarover beklaagden, wierp Brennus nog zijn geducht zwaard in de schaal en riep honend: „Wee den overwonnelingen!” In dit oogenblik verscheen echter Camillus met zijn leger, verklaarde echter het verdrag met Brennus voor ongeldig, en begon een strijd, -waarbij de Galliërs geslagen werden.</p> +waarbij de Galliërs geslagen werden.</p> -<p>Toen de Romeinen hunne oude stad niet weêr wilden +<p>Toen de Romeinen hunne oude stad niet weêr wilden opbouwen, drong Camillus er op aan, dat niemand zou uitwijken, en zoo verrees spoedig een nieuw Rome uit het puin, als een phoenix uit zijn asch. De dankbare @@ -2531,20 +2494,20 @@ redder en vader des vaderlands.</p> <p>1. Nog hadden de Romeinen een geduchten nabuur te bestrijden, de <span class="g">Samnieten</span>, in Samnium, oostelijk -van Etrurië. In den tweeden oorlog tegen hen leden -zij eene even geduchte nederlaag als de Galliërs hun +van Etrurië. In den tweeden oorlog tegen hen leden +zij eene even geduchte nederlaag als de Galliërs hun 70 jaar vroeger hadden toegebracht; het Romeinsche leger moest de vernedering lijden van onder ’t vijandelijk juk door te gaan. Maar weldra herstelde zich Rome en -30 jaar later was Samnium geheel onderworpen, en daarmeê -geheel Midden-Italië. Nu richtten zij hunne blikken -begeerig naar Beneden-Italië of Groot-Griekenland, waar +30 jaar later was Samnium geheel onderworpen, en daarmeê +geheel Midden-Italië. Nu richtten zij hunne blikken +begeerig naar Beneden-Italië of Groot-Griekenland, waar zich spoedig eene gelegenheid tot strijden aanbood. De machtige stad Tarente had Romeinsche schepen den toegang tot haar haven geweigerd, wat zeer gegrond was. Toen nu de Romeinen, die strijd zochten, den oorlog begonnen, riepen de Tarentijnen <span class="g">Pyrrhus</span>, -koning van <span class="g">Epirus</span>, bij Macedonië, te hulp. Deze<span class="pagenum"><a name="Page_71" id="Page_71">[71]</a></span> +koning van <span class="g">Epirus</span>, bij Macedonië, te hulp. Deze<span class="pagenum"><a name="Page_71" id="Page_71">[71]</a></span> vorst had zich Alexander tot voorbeeld gesteld en was een voortreffelijk veldheer met een wel toegerust leger. Hij hielp de bevriende Grieken gaarne en verscheen ras @@ -2571,18 +2534,18 @@ bestaat in de achting mijner medeburgers.” Den volgenden morgen wilde de koning de onverschrokkenheid van Fabricius op de proef stellen. Hij liet achter het gordijn zijner tent een olifant plaatsen, en zorgde, dat Fabricius -vlak daarvóór zat. Toen het gesprek afgeloopen was, +vlak daarvóór zat. Toen het gesprek afgeloopen was, vloog het gordijn in de hoogte, en de olifant strekte brullend zijn snuit over Fabricius uit. Deze bleef echter heel rustig en zeide lachend tot Pyrrhus: „Even weinig als gisteren uw geld mij bekoorde, even weinig verschrikt mij heden uw olifant. Wij zullen niet over den vrede -onderhandelen, vóór gij Italië ontruimd hebt.”</p> +onderhandelen, vóór gij Italië ontruimd hebt.”</p> <p>In het volgende jaar kwam het nogmaals tot een treffen,<span class="pagenum"><a name="Page_72" id="Page_72">[72]</a></span> -waarbij de Romeinen weêr het onderspit dolven, maar +waarbij de Romeinen weêr het onderspit dolven, maar Pyrrhus zooveel man verloor, dat hij zou hebben uitgeroepen: -„Nog één zoodanige zegepraal, en ik ben verloren.” +„Nog één zoodanige zegepraal, en ik ben verloren.” Nu kreeg Fabricius het opperbevel bij de Romeinen, en betoonde zich op nieuw als een man van eer. Hij kreeg een brief van Pyrrhus’ lijfarts, waarin deze @@ -2599,8 +2562,8 @@ herhaling den vrede aanbood. Maar de Romeinen zonden voor de uitgeleverde gevangenen even zoo veel Grieken terug en lieten zich tot geene vredesonderhandeling in.</p> -<p>Daarop trok Pyrrhus naar Sicilië, waar hij met geluk -tegen de Karthagers streed. Naar Beneden-Italië teruggekeerd, +<p>Daarop trok Pyrrhus naar Sicilië, waar hij met geluk +tegen de Karthagers streed. Naar Beneden-Italië teruggekeerd, raakte hij nogmaals met de Romeinen slaags, die hem nu overwonnen. Zij hadden namelijk bedacht, de olifanten van Pyrrhus door pektoortsen en geschreeuw @@ -2622,30 +2585,30 @@ en zeden kennen.</p> <p>1. De rijkdom en macht van Karthago (blz. <a href="#Page_25">25</a> en <a href="#Page_26">26</a>) maakte de ijverzucht der Romeinen gaande, welke spoedig tot den krijg leidde. Daar de Romeinen deze hunne -vijanden Puniërs, d. i. Phoeniciërs noemden, worden +vijanden Puniërs, d. i. Phoeniciërs noemden, worden hunne oorlogen met de Karthagers als de <span class="g">Punische</span> aangeduid. Nog nooit hadden de Romeinen anders dan te land gestreden, maar naar ’t model van een gestrand Karthaagsch schip worden schepen gebouwd, door middel van enterbruggen de zeestrijd als in een landoorlog veranderd, ’t grootste gedeelte van ’t Karthaagsch gebied -op Sicilië veroverd, en de eerste overwinning ter zee +op Sicilië veroverd, en de eerste overwinning ter zee behaald 260. Nu wil de consul <span class="g">Regulus</span> den vijand in diens eigen gebied bestoken, maar wordt geslagen en -gevangen. Sedert blijft de strijd weêr beperkt tot de -zee en Sicilië, waar de Karthagers nog een paar onneembare +gevangen. Sedert blijft de strijd weêr beperkt tot de +zee en Sicilië, waar de Karthagers nog een paar onneembare vestingen hadden. Maar de vredespartij in Karthago stond ook deze liever af dan den strijd voort te zetten. In 240 eindigde de eerste Punische oorlog; de Karthagers -ontruimden hun gebied op Sicilië, dat het eerste +ontruimden hun gebied op Sicilië, dat het eerste Romeinsche wingewest (provincie) wordt. Weldra verkrijgt -Rome nu ook Sardinië, Corsica, Illyrië gedeeltelijk -en Cisalpijnsch Gallië. Maar ook Karthago zat niet stil; +Rome nu ook Sardinië, Corsica, Illyrië gedeeltelijk +en Cisalpijnsch Gallië. Maar ook Karthago zat niet stil; daar had eene andere partij dan de bovengenoemde doorgezet schadevergoeding te zoeken in Spanje, waar dan ook Hamilcar Barcas veel meer dan de helft van het land veroverde. Zijn zoon <span class="g">Hannibal</span> had hij reeds -als knaap meêgenomen naar Spanje en een eeuwigen +als knaap meêgenomen naar Spanje en een eeuwigen haat tegen de Romeinen doen zweren. En zeker is nooit eenige eed ter wereld trouwer nagekomen dan deze.<span class="pagenum"><a name="Page_74" id="Page_74">[74]</a></span> Toen de zoon, eenigen tijd na ’s vaders dood, het opperbevel @@ -2660,22 +2623,22 @@ verloren.</p> Hannibal, en toen hieraan niet werd voldaan, wilde men hem in Spanje gaan beoorlogen en stak daartoe over zee. Hij wachtte hen echter niet af, maar waagde -den stouten tocht over de Pyreneën, door Zuid-oost-Gallië +den stouten tocht over de Pyreneën, door Zuid-oost-Gallië en over de Alpen. Geen wonder dat men den tweeden Punischen krijg naar hem den Hannibalsoorlog (218-201) noemt. De Romeinen konden en wilden niet gelooven, dat een tocht van Hannibal over de Alpen mogelijk geweest was. Zij zagen het echter spoedig en rustten zich toe zoo goed zij konden. Hannibal had zich -door een bondgenootschap met de Galliërs in Opper-Italië +door een bondgenootschap met de Galliërs in Opper-Italië versterkt en sloeg de Romeinsche legers driemaal -achter elkander, steeds dieper in Italië doordringend. +achter elkander, steeds dieper in Italië doordringend. Toen vreesde Rome, dat Hannibal voor de poorten zou verschijnen en de stad belegeren. Maar hij trok Rome -voorbij naar Apulië, en bracht daar den Romeinen bij -Cannae weêr zulk eene hevige nederlaag toe, als zij nog +voorbij naar Apulië, en bracht daar den Romeinen bij +Cannae weêr zulk eene hevige nederlaag toe, als zij nog maar tweemaal, laatstelijk ruim een eeuw geleden, ondergaan -hadden. Een groot deel van Zuid-Italië, Macedonië +hadden. Een groot deel van Zuid-Italië, Macedonië en Syracuse werden zijne bondgenooten.</p> <p>Maar uit Karthago kreeg hij geen troepen en krijgsvoorraad @@ -2683,8 +2646,8 @@ genoeg, dat was te kostbaar voor de vredespartij, en zijne oude troepen verslapten door een te weelderig leven. Rome daarentegen spande zijne beste krachten in en waagde een stouten slag. Terwijl zij<span class="pagenum"><a name="Page_75" id="Page_75">[75]</a></span> -Macedonië door de Grieken lieten bezig houden, vermeden -zij beslissende slagen in Zuid-Italië, en gingen Syracuse +Macedonië door de Grieken lieten bezig houden, vermeden +zij beslissende slagen in Zuid-Italië, en gingen Syracuse zelf belegeren. Zij besteedden daaraan 3 jaren. In die stad leefde de beroemde wiskundige Archimedes, die de verdediging tegen de Romeinen krachtig ondersteunde, @@ -2703,14 +2666,14 @@ den krijgsman toe. Maar deze versloeg hem.</p> <p> </p> <p>3. Na den val der stad hadden de Romeinen geheel -Sicilië in handen, en konden nu hunne volle kracht tegen +Sicilië in handen, en konden nu hunne volle kracht tegen Karthago zelf richten. Reeds waren zij het in Spanje gaan bestrijden, en van nu af werd dit door <span class="g">Scipio</span> met zoo goed gevolg voortgezet, dat weldra bijna dat gansche schiereiland tot Romeinsche provincie (wingewest) werd. Hannibals jongere broeder, die daar als bevelhebber was gebleven, had op zijn broeders roepstem diens -voetspoor gevolgd om hem in Zuid-Italië te gaan bijstaan, +voetspoor gevolgd om hem in Zuid-Italië te gaan bijstaan, maar was onderweg door de Romeinen geslagen en met zijn leger vernield. Toen Hannibal dit vernam en het doodshoofd van zijn broeder aanschouwde, riep hij @@ -2720,26 +2683,26 @@ naderen!”</p> <p>En het naderde inderdaad, snel en zeker. Want de Romeinsche senaat had Scipio, wiens taak in Spanje -zoo schitterend voltooid was, tot proconsul van Sicilië +zoo schitterend voltooid was, tot proconsul van Sicilië benoemd. En deze bestond op nieuw, wat een halve eeuw te voren aan Regulus mislukt was, den oorlog naar Afrika over te brengen, en dat, terwijl Hannibal nog in -Zuid-Italië gelegerd was. Te laat zagen de Karthagers +Zuid-Italië gelegerd was. Te laat zagen de Karthagers hunne tweede groote fout in, die van dezen grooten man niet naar behooren gesteund te hebben. Men zocht hem aan tot de leiding der verdediging van het vaderland, voor welks belang hij 36 jaar buiten af, de laatste 16 -in Italië gekampt had, te weinig gesteund. En hij verloochende +in Italië gekampt had, te weinig gesteund. En hij verloochende de liefde voor Karthago, den haat tegen Rome niet. Bij Zama, vijf dagreizen van Karthago, stiet hij op het Romeinsche leger. De groote beteekenis daarvan werd door Hannibal dadelijk begrepen, zoodat hij besloot, met Scipio te onderhandelen. Op een heuvel tusschen -de beide legerplaatsen ontmoetten elkaâr de beide grootste +de beide legerplaatsen ontmoetten elkaâr de beide grootste veldheeren van hun tijd. Eene wijl stonden zij zwijgend tegenover elkander, Scipio in den bloei des levens en in den zonneglans van het geluk, Hannibal reeds verouderend -en door tegenspoed ter neêr gedrukt. Toen ried +en door tegenspoed ter neêr gedrukt. Toen ried Hannibal tot den vrede, terwijl hij zijn tegenstander aan de mogelijke wisseling van het geluk herinnerde, en bood hem als prijs van den vrede den afstand van @@ -2772,23 +2735,23 @@ werd, eischten zij van de Karthagers de uitlevering van Hannibal, en dezen bleef niets over, dan zijn vaderland te verlaten. Hij begaf zich naar Antiochus, die echter ook door de Romeinen overwonnen werd (190), en Hannibal -moest naar Klein-Azië vluchten. Maar ook daar vonden +moest naar Klein-Azië vluchten. Maar ook daar vonden hem zijne onverzoenlijke vijanden. Toen Hannibal zag, dat hij niet meer ontvluchten kon, nam hij vergif, dat hij reeds lang bij zich gedragen had, en stierf in den leeftijd van 64 jaren. Zoo was het uiteinde van een der grootste veldheeren der oudheid. Gelijk de Romeinen op -Syrië overwonnen, zoo straften zij ook Macedonië voor +Syrië overwonnen, zoo straften zij ook Macedonië voor zijn verbond met Hannibal na den slag bij Cannae (blz. <a href="#Page_74">74</a>). Herhaaldelijk geslagen, kwam het land eerst onder Romeinschen -invloed, en werd vervolgens, evenals Illyrië en +invloed, en werd vervolgens, evenals Illyrië en Epirus, als wingewest ingelijfd.</p> <p> </p> <p><span class="pagenum"><a name="Page_78" id="Page_78">[78]</a></span></p> -<p>5. Even vóórdat dit voltooid was, had men den derden +<p>5. Even vóórdat dit voltooid was, had men den derden Punischen oorlog aangevangen (149). Want de Romeinen vreesden Karthago, ook na zijn diepen val. Een oud raadsheer, Cato, sloot elke rede die hij in den senaat @@ -2824,9 +2787,9 @@ hierin zout gestrooid, als teeken van onvruchtbaarheid, waartoe men de plek doemde, terwijl het geheele gebied onder den naam Afrika Romeinsch wingewest werd 146. In hetzelfde jaar verwoestten de Romeinen ook de fraaie -stad Korinthe, en maakten daarmeê Griekenland, waarvan +stad Korinthe, en maakten daarmeê Griekenland, waarvan zij het deel Hellas of het Aetolisch verbond (de -Peloponnesus vormde het Achaeïsch verbond) reeds ingelijfd +Peloponnesus vormde het Achaeïsch verbond) reeds ingelijfd hadden, geheel tot Romeinsche provincie. Vele Grieken kwamen toen gedwongen of vrijwillig naar Rome en brachten hun barbaarschen overwinnaars de fijne helleensche @@ -2846,7 +2809,7 @@ geslachtstabellen n<sup>o</sup>. 1.</p> <p>1. In Rome was langzamerhand het onderscheid tusschen -patriciërs en plebejers verdwenen; er had zich +patriciërs en plebejers verdwenen; er had zich echter een nieuwe soort van adel gevormd, die bestond uit de personen, die tot hooge ambten gekomen waren. Deze lieden hadden ook het grootste gedeelte der veroverde @@ -2856,7 +2819,7 @@ de vreemde volken ontnomen waren. Terwijl zoo de voornamen in rijkdom zwelgden, leefden de lagere volksklassen in den grootsten nood. Zulk een treurige toestand maakte de opmerkzaamheid gaande vooral van twee -mannen, die tot de voornaamste familiën behoorden. Het<span class="pagenum"><a name="Page_80" id="Page_80">[80]</a></span> +mannen, die tot de voornaamste familiën behoorden. Het<span class="pagenum"><a name="Page_80" id="Page_80">[80]</a></span> waren de beide broeders <span class="g">Tiberius</span> en <span class="g">Cajus Gracchus</span>. Hunne moeder <span class="g">Cornelia</span>, eene dochter van Scipio, den overwinnaar van Zama, was eene der beste @@ -2870,7 +2833,7 @@ beide zonen en zeide: “Hier zijn mijne eenige en grootste schatten!”</p> <p>De broeders ontwikkelden zich verschillend, maar -kwamen eindelijk op ééne zelfde baan. Tiberius trad +kwamen eindelijk op ééne zelfde baan. Tiberius trad het eerst in ’t openbaar op. Hij werd tot volkstribuun, d. i. tot verdediger der volksrechten (blz. <a href="#Page_67">67</a>) gekozen, en bewerkte, dat het volk zooveel mogelijk aandeel aan @@ -2878,13 +2841,13 @@ de groote staatsgoederen kreeg. In het jaar 133 bracht hij eene meer dan twee eeuwen oude, maar in onbruik geraakte akkerwet in werking, volgens welke geen burger meer dan 500 morgen staatslanderijen bezitten mocht en -al het overige aan de arme familiën verdeeld moest +al het overige aan de arme familiën verdeeld moest worden. Het dankbare volk wilde hem herkiezen, maar de edelen (nobiles) of senaatspartij, ook wel optimaten geheeten, waren zoo verbolgen, dat zij geweld gebruikten en hem met 300 burgers vermoordden. Daar zij den jongeren broeder, Cajus, vreesden, zochten zij hem te -verwijderen door hem een ambt in Sardinië te geven. +verwijderen door hem een ambt in Sardinië te geven. Dit hielp echter niet lang.</p> <p> </p> @@ -2894,15 +2857,15 @@ en besloot het werk zijns broeders te voltooien, hoewel zijne moeder hem gewaarschuwd had. De nood des volks,<span class="pagenum"><a name="Page_81" id="Page_81">[81]</a></span> dien hij diep doorzag, liet hem geen rust. Als hij sprak, waren zijne stem en gebaren zoo machtig, dat hij allen -roerde. Als tribuun was hij werkzamer dan iemand vóór +roerde. Als tribuun was hij werkzamer dan iemand vóór hem. Behalve de akkerwet bracht hij nog andere wetten tot stand, waardoor het volk macht en voordeel kreeg. -In Italië liet hij groote en prachtige landwegen aanleggen; +In Italië liet hij groote en prachtige landwegen aanleggen; in de veroverde landen stichtte hij nieuwe plaatsen, opdat de arme burgers zich daar konden vestigen en den grond bebouwen. Terwijl Cajus zich eens op een reis naar Afrika bevond tot stichting eener stad, zetten de rijken -al hunne macht in beweging, dat Cajus niet weêr tot +al hunne macht in beweging, dat Cajus niet weêr tot tribuun gekozen zou worden. Zij deelden geld uit, deden veel ten gevalle van het volk, en verzekerden daarbij, dat zij het welzijn van het volk betrachtten, maar Cajus @@ -2939,7 +2902,7 @@ waardoor de grond gelegd werd tot de heerschappij der soldaten. Nadat hij den Afrikaanschen koning Jugurtha overwonnen had, voerde hij een hevigen strijd tegen de Cimbren en Teutonen. De eerste, een der vorsten van -Numidië, had zijne medekoningen laten vermoorden, bij +Numidië, had zijne medekoningen laten vermoorden, bij ’t veroveren van hun gebied de stad Cirta genomen en de geheele mannelijke bevolking er van omgebracht, waaronder een aantal Romeinen waren. Toen de regeering @@ -2952,9 +2915,9 @@ consul en opperbevelhebber tegen Jugurtha. Ook deze overwon (107) en Jugurtha werd gevangen genomen en stierf te Rome.</p> -<p>Reeds even vóórdat de strijd met Jugurtha was begonnen, +<p>Reeds even vóórdat de strijd met Jugurtha was begonnen, waren bovengenoemde Germaansche of Duitsche -volksstammen uit het noorden in de Romeinsche provinciën +volksstammen uit het noorden in de Romeinsche provinciën gevallen. Zij waren van reusachtige grootte, in dierenvellen gehuld en vreeselijk om aan te zien. Hunne breede zwaarden en zware strijdkolven werkten inderdaad<span class="pagenum"><a name="Page_83" id="Page_83">[83]</a></span> @@ -2971,7 +2934,7 @@ geheel verslagen, in ’t zuid-oosten van het tegenwoordige Frankrijk 102.</p> <p>Intusschen waren de Cimbren over de Tiroler Alpen -in noord-Italië gevallen. Zij hadden zich op hunne groote +in noord-Italië gevallen. Zij hadden zich op hunne groote schilden van de ijs- en sneeuwhellingen laten afglijden en toen groote rotsbrokken en boomstammen in de Etsch geworpen, om daarover den tegenovergestelden oever te @@ -3007,7 +2970,7 @@ met ontzettende wreedheid vervolgd en gedood; Marius zelf stierf binnen weinige weken. Sulla liet in Rome zijne tegenpartij razen, en zette in ’t oosten zijne taak voort. Toen hij echter deze glorierijk voltooid had, kwam hij -naar Italië terug, vast besloten de volkspartij uit te roeien. +naar Italië terug, vast besloten de volkspartij uit te roeien. Hij overwon zijne tegenstanders en woedde nu nog oneindig wreeder dan dezen gedaan hadden. Het aantal der gedooden wordt op 50000 geschat. Nadat hij geheel de @@ -3040,9 +3003,9 @@ matigheid in eten en drinken gezond, en versterkte zich weldra door lichamelijke oefeningen zoozeer, dat hij alle bezwaren van den oorlog verdragen kon.</p> -<p>Door ongeëvenaarde eer- en heerschzucht gedreven, +<p>Door ongeëvenaarde eer- en heerschzucht gedreven, verstond hij het toch, de grooten niet tegen zich in -’t harnas te jagen, vóór hij geheel de stem des volks +’t harnas te jagen, vóór hij geheel de stem des volks gewonnen had. Hij leefde even verkwistend als Alcibiades, maar besteedde wijselijk zijn vermogen ook, om de gunst zijner medeburgers te verwerven. En dit gelukte @@ -3075,14 +3038,14 @@ in Afrika gedaan, vervolgens in Spanje (72). Op de terugkomst van hier bracht hij den strijd tegen de opgestane <span class="g">slaven</span> en <span class="g">zwaardvechters</span> ten einde, wier kracht reeds door Crassus gebroken was. Daarna bedwong -hij de <span class="g">zeeroovers</span>, die in Cilicië en Creta woonden, +hij de <span class="g">zeeroovers</span>, die in Cilicië en Creta woonden, en maakte laatstgenoemd eiland tot wingewest. Van de andere krijgstochten van Pompejus is vooral die naar -Azië beroemd in den derden oorlog tegen Mithradates +Azië beroemd in den derden oorlog tegen Mithradates (de tweede had weinig beduid). Nadat Lucullus, de befaamde lekkerbek, dezen vorst op de vlucht had geslagen -naar Armenië, welks koning ook over Syrië heerschte, -overwon Pompejus hem bij den Eufraat, veroverde Syrië +naar Armenië, welks koning ook over Syrië heerschte, +overwon Pompejus hem bij den Eufraat, veroverde Syrië en maakte Palestina afhankelijk van Rome (64). — Toen echter de senaat draalde met het goedkeuren van Pompejus’ beschikkingen, sloot deze een verbond met Caesar en @@ -3090,19 +3053,19 @@ huwde diens dochter Julia. Daar met Caesar reeds de rijke Crassus verbonden was, zoo was er een driemanschap, triumviraat, ontstaan, waarnaar het Romeinsche volk zich gemakkelijk voegde. Weldra kreeg Caesar het -bestuur in Gallië, d. w. Noord-Italië en Zuid-Oost-Frankrijk; +bestuur in Gallië, d. w. Noord-Italië en Zuid-Oost-Frankrijk; Pompejus koos Spanje, maar bleef rustig in Rome zitten; -Crassus ging naar Azië.</p> +Crassus ging naar Azië.</p> -<p>In Gallië betoonde Caesar zich een groot veldheer.<span class="pagenum"><a name="Page_87" id="Page_87">[87]</a></span> +<p>In Gallië betoonde Caesar zich een groot veldheer.<span class="pagenum"><a name="Page_87" id="Page_87">[87]</a></span> Binnen 10 jaren heeft hij van uit het Zuid-Oosten van het tegenwoordig Frankrijk alle Gallische volksstammen onderworpen, -de Helvetiërs naar hun land terug, en de Germanen, +de Helvetiërs naar hun land terug, en de Germanen, onder <span class="g">Ariovistus</span> den Gallen te hulp gekomen, -tengevolge van den slag bij Vesontio (Besançon) 58 over +tengevolge van den slag bij Vesontio (Besançon) 58 over den Rijn teruggedreven, zelfs het Germaansche land tusschen -Gallië en den beneden-Rijn veroverd en in 52 een -algemeenen opstand der Galliërs gedempt. Maar hij vermeed +Gallië en den beneden-Rijn veroverd en in 52 een +algemeenen opstand der Galliërs gedempt. Maar hij vermeed de duistere wouden van het oude Duitschland. Zelf heeft hij ons zijne veldtochten zeer omstandig en fraai beschreven, gelijk ook den volgenden burgeroorlog.</p> @@ -3115,19 +3078,19 @@ tegen de Parthen nog angstiger was. Met den senaat in Rome beducht, dat de dappere Caesar met zijn volksaanhang voor hunne heerschappij gevaarlijk kon worden, zonden zij dezen het bevel, zijn leger af te danken en -zijn proconsulaat neêr te leggen. Deed hij zulks niet, +zijn proconsulaat neêr te leggen. Deed hij zulks niet, dan zou hij voor een vijand van ’t vaderland verklaard worden. Toen Caesar dit bevel ontvangen had, besloot hij, zich te verdedigen. Hij sprak met zijne soldaten en -brak toen op naar Italië. Aan de grensrivier van Cisalpijnsch -Gallië en eigenlijk Italië gekomen, zeide hij: „De +brak toen op naar Italië. Aan de grensrivier van Cisalpijnsch +Gallië en eigenlijk Italië gekomen, zeide hij: „De teerling zij geworpen”, en marcheerde naar Rome. Pompejus had zich gevleid, dat hij legioenen uit de aarde stampen zou. Hij vluchtte echter met een aantal senaatsleden voor Caesar naar Griekenland. In korten tijd beheerschte -Caesar geheel Italië. Hierop sloeg hij het leger +Caesar geheel Italië. Hierop sloeg hij het leger van Pompejus in Spanje en ging toen naar Griekenland, -waar hij zijn tegenstander bij <span class="g">Pharsalus</span> in Thessalië +waar hij zijn tegenstander bij <span class="g">Pharsalus</span> in Thessalië overwon (48). De geslagene Pompejus vluchtte naar<span class="pagenum"><a name="Page_88" id="Page_88">[88]</a></span> Egypte, maar werd hier, alvorens te landen, door lieden van den Egyptischen koning vermoord. Toen Caesar @@ -3153,12 +3116,12 @@ purper vereerd. Nu scheen niets meer te ontbreken dan de koninklijke kroon. En ook deze wilde men bewilligen. Maar het geschiedde anders. Een aantal mannen, verbitterd over de verplaatsing der heerschappij van den -senaat op één persoon, zwoeren heimelijk samen om +senaat op één persoon, zwoeren heimelijk samen om Caesar te dooden. Aan het hoofd stonden <span class="g">Brutus</span> en <span class="g">Cassius</span>. De 15<sup>de</sup> Maart 44 werd tot Caesars doodsdag bestemd. Er was eene zitting beraamd, die Caesar niettegenstaande alle waarschuwing bijwoonde. Toen werd -hij door de saamgezworenen omringd en neêrgestooten. +hij door de saamgezworenen omringd en neêrgestooten. Door 23 dolksteken getroffen, viel Caesar aan den voet van een standbeeld van Pompejus dood ter aarde.</p> <p><span class="pagenum"><a name="Page_89" id="Page_89">[89]</a></span></p> @@ -3185,7 +3148,7 @@ waren. Een nieuwe burgeroorlog was nabij.</p> <p>1. Caesar had den kleinzoon zijner zuster<a name="FNanchor_5_5" id="FNanchor_5_5"></a><a href="#Footnote_5_5" class="fnanchor">[5]</a>, <span class="g">Octavianus</span>, tot zijn hoofderfgenaam benoemd. Deze jongeling -was juist in Klein-Azië, maar liet zich spoedig in Rome +was juist in Klein-Azië, maar liet zich spoedig in Rome vinden en gedroeg zich hier zoo sluw, dat hij in korten tijd de gunsteling van senaat en volk werd. Intusschen gedroeg Antonius zich steeds aanmatigender en overmoediger. @@ -3195,8 +3158,8 @@ vijand des vaderlands. Reeds 20 jaar vroeger had hij den senaat de grootste diensten bewezen door ’t<span class="pagenum"><a name="Page_90" id="Page_90">[90]</a></span> verijdelen der samenzwering van <span class="g">Catilina</span>, die de heerschappij der optimaten wilde breken. Nu rustte hij niet, -vóór Antonius beoorloogd werd. Dit geschiedde, en -Antonius vluchtte naar Gallië, waar zijn trouwe aanhanger +vóór Antonius beoorloogd werd. Dit geschiedde, en +Antonius vluchtte naar Gallië, waar zijn trouwe aanhanger <span class="g">Lepidus</span> hem nieuwe troepen toevoerde. Beiden rukten daarop gemeenschappelijk tegen Octavianus op, die aan de spits van ’t Romeinsche leger stond. Bij Bologna zou @@ -3218,10 +3181,10 @@ had. De wraakzuchtige Antonius liet hem dooden, ofschoon Octavianus het verhinderen wilde.</p> <p>Terwijl zulke gruwelen in en om Rome voorvielen, -stonden Brutus en Cassius, de stadhouders van Macedonië -en Syrië, met hunne legers gereed voor de republiek te +stonden Brutus en Cassius, de stadhouders van Macedonië +en Syrië, met hunne legers gereed voor de republiek te strijden, d. w. z. voor het behoud der senaatsmacht. Bij -Philippi, in Macedonië, kwam het tot beslissing. De aanhangers +Philippi, in Macedonië, kwam het tot beslissing. De aanhangers der oude vrijheid streden zoo dapper, dat hun zeker de overwinning zou ten deel gevallen zijn. Maar toen Cassius, door een valsch bericht misleid, zich in @@ -3241,7 +3204,7 @@ was, Antonius spoedig van de heerschappij te verdringen, leefde deze zorgeloos aan het schitterende hof der Egyptische koningin Cleopatra, schonk aan haar en hare familie een groot gedeelte der Romeinsche provincie -in Azië weg, en verstiet eindelijk zijne deugdzame echtgenoote +in Azië weg, en verstiet eindelijk zijne deugdzame echtgenoote Octavia, de zuster van Octavianus. Den slechten indruk, dien zulk eene vermetele handelwijze bij de Romeinen teweeg bracht, maakte Octavianus zich ten nutte. @@ -3254,7 +3217,7 @@ in den zeeslag bij kaap <span class="g">Actium</span> (west. van Hellas) de koningin Cleopatra vluchtte 31, ging Antonius met haar naar Egypte terug en verliet zoo zijn leger, dat na lang dralen tot den verwonderden Octavianus overliep. Deze -trok door Syrië naar Egypte en sloeg hier Antonius, die +trok door Syrië naar Egypte en sloeg hier Antonius, die ook door Cleopatra verlaten werd. Zij liet hem zeggen, dat zij gestorven was, en bracht hem daardoor zoo in vertwijfeling, dat hij zich zelven vermoordde. De arglistige @@ -3282,18 +3245,18 @@ hoewel hare vormen bleven, was in een keizerrijk veranderd.</p> <p>3. Onder de regeering van Augustus had Rome het hoogste toppunt zijner macht bereikt. Het hoofdland, -Italië, was maar een klein deel van het Romeinsche rijk, +Italië, was maar een klein deel van het Romeinsche rijk, dat zich over de drie toen bekende werelddeelen uitstrekte, van de Atlantische zee tot aan den Eufraat, van den Rijn, den Donau en de Zwarte zee tot aan de Afrikaansche en Arabische woestijnen. In dezen wijden omvang lagen de schoonste landen der aarde, o. a. Portugal -en Spanje, Gallië (Frankrijk), Italië, Griekenland -en Macedonië, Klein-Azië, Syrië, Egypte en het Karthaagsche +en Spanje, Gallië (Frankrijk), Italië, Griekenland +en Macedonië, Klein-Azië, Syrië, Egypte en het Karthaagsche gebied. Op deze groote vlakteruimte leefden ongeveer 120 millioen menschen, waarvan de helft slaven waren. De grootste steden der toenmalige wereld waren -behalve Rome nog Alexandrië en Antiochië. Haar pracht<span class="pagenum"><a name="Page_93" id="Page_93">[93]</a></span> +behalve Rome nog Alexandrië en Antiochië. Haar pracht<span class="pagenum"><a name="Page_93" id="Page_93">[93]</a></span> en rijkdom waren grootsch. In Rome waren 400 kostbare tempels, groote marktplaatsen, prachtige schouwburgen en paleizen, zuilenhallen, triomfbogen en dergelijke.</p> @@ -3340,7 +3303,7 @@ in vertwijfeling uit: „Varus, Varus, geef mij mijne legioenen terug!” en liep als razend rond. Alle Duitschers moesten Rome verlaten, zelfs de Duitsche lijfwacht des keizers werd over de zee gebracht. De schrik, dien eens -de Cimbren en Teutonen verwekt hadden, was weêr +de Cimbren en Teutonen verwekt hadden, was weêr gekomen. Maar weldra bleek het, dat de Duitschers in de grootste rust t’huis bleven.</p> @@ -3350,7 +3313,7 @@ de grootste rust t’huis bleven.</p> Zijne dochter Julia, zijn eenig kind, bezorgde hem door haar teugelloos leven veel kommer. Toen hare beide zonen gestorven waren, leidde Augustus’ derde gemalin, -de listige Livia, het daarheên, dat haar zoon Tiberius, +de listige Livia, het daarheên, dat haar zoon Tiberius, de bovengenoemde, een slecht mensch, tot keizer bestemd werd. Augustus stierf in ’t jaar 14 onzer jaartelling. Kort voor zijn dood zou hij tot de omstaande @@ -3379,13 +3342,13 @@ Drusus’ zoon, tot een krijg der wrake naar Duitschland, maar kon hier even weinig bereiken als Augustus. Wantrouwend over het aanzien van den dapperen Germanicus, riep hij dezen uit Duitschland terug en verplaatste hem -naar Syrië, waar hij hem waarschijnlijk liet vergiftigen. +naar Syrië, waar hij hem waarschijnlijk liet vergiftigen. De argwaan en de wreedheid van den tyran werden door zijne gemalin nog vermeerderd, zoodat hij ontzettend woedde, tot hij eindelijk door den overste zijner lijfwacht vermoord werd. Onder zijne regeering zijn de Friezen opgestaan, die eerst bijna 20 jaar later onder die van -<span class="g">Claudius</span> weêr onderdrukt zijn.</p> +<span class="g">Claudius</span> weêr onderdrukt zijn.</p> <p>Onder de slechte vorsten in de eerste eeuw is <span class="g">Nero</span> wel de vreeselijkste. Hij liet zijn stiefbroeder, zijne @@ -3394,7 +3357,7 @@ leermeester, de beroemde <span class="g">Seneca</span>, werd gedwongen zich zelven te dooden. Met de schrikkelijkste wreedheid verbond Nero eene ijdelheid, die aan waanzin grensde. Hij hield zichzelven voor den eersten kunstenaar der wereld, -en trok als harpspeler en wagenmenner geheel Italië en +en trok als harpspeler en wagenmenner geheel Italië en Griekenland door om zich te laten huldigen. Een groote brand in Rome zou hem aanleiding hebben gegeven om van de tinne van zijn paleis af den brand van Troje te @@ -3416,10 +3379,10 @@ vermoorden. Zijne laatste woorden zouden geweest zijn: waarvan er geen een natuurlijken dood stierf. De soldaten, die nu gewoonlijk den keizer aanwezen, kregen eerst in <span class="g">Vespasianus</span> een geduchten heerscher, onder wien -weêr rust en orde heerschte. Van zijne oorlogen is ons +weêr rust en orde heerschte. Van zijne oorlogen is ons met name die met de Joden opmerkenswaardig. Dit volk was reeds dikwijls tegen de Romeinen opgestaan, en was -telkens eerst na veel bloedvergieten weêr onderworpen. +telkens eerst na veel bloedvergieten weêr onderworpen. In Nero’s tijd was andermaal een oproer ontstaan, en Vespasianus, die toen nog generaal was, trok tegen Jeruzalem op, om de stad te belegeren. Toen hij intusschen @@ -3435,7 +3398,7 @@ uit, en daarop volgden verwoestende ziekten. Niettegenstaande dezen verschrikkelijken nood waagde niemand in de stad van overgave te spreken. Toen Titus het benedendeel van Jeruzalem stormenderhand genomen had, deed -hij nogmaals eene goedwillige poging, die weêr afgewezen +hij nogmaals eene goedwillige poging, die weêr afgewezen werd. Daarop veroverde hij den burg en den tempel,<span class="pagenum"><a name="Page_97" id="Page_97">[97]</a></span> waar de Joden zich het hardnekkigst hadden gehandhaafd. Ofschoon Titus den tempel sparen wilde, werd dit prachtig @@ -3460,8 +3423,8 @@ aardbeving plaats met een hevige uitbraak van den vuurspuwenden berg Vesuvius (bij Napels). Daardoor werden de steden Pompeji, Herculanum en Stabiae bedolven, zoodat men haar spoor niet meer zag. Eerst voor 100 -jaren ontdekte men Herculanum en Pompeji weêr en begon -men langzamerhand de oude steden weêr op te graven. +jaren ontdekte men Herculanum en Pompeji weêr en begon +men langzamerhand de oude steden weêr op te graven. Toen vond men alles nog zoo als het eenmaal begraven was, slechts was het door de heete asch verdroogd of tot stof geworden. In de goed gebleven woningen vond @@ -3492,18 +3455,18 @@ mag niet onopgemerkt blijven, dat ook Trajanus de Christenen vervolgde. Zijn opvolger <span class="g">Hadrianus</span> beminde den vrede, en bevorderde kunsten en wetenschappen, maar toonde bij groote ijdelheid ook wreeden zin. Hij -bouwde de stad Hadrianopel (in het tegenwoordige Turkijë) -en liet ook Jerusalem weêr verrijzen. Toen hij echter +bouwde de stad Hadrianopel (in het tegenwoordige Turkijë) +en liet ook Jerusalem weêr verrijzen. Toen hij echter hier aan den Romeinschen god Jupiter liet offeren, werden de Joden oproerig, en er ontstond een driejarige strijd, waarin ongeveer 500,000 man gedood werden. Daarbij werd Jerusalem nogmaals de vernieling ten prooi, werd -toen opnieuw opgebouwd en voor elk Israëliet gesloten.</p> +toen opnieuw opgebouwd en voor elk Israëliet gesloten.</p> <p><span class="g">Antoninus</span>, genaamd Pius d. i. de vrome, toonde zich gedurende zijne lange regeering (138-161) een der beste keizers. Hij vermeed den oorlog, terwijl hij den -schoonen grondregel volgde: „Ik wil liever één burger +schoonen grondregel volgde: „Ik wil liever één burger het leven behouden, dan duizend vijanden dooden.” Hij verbreidde overal geluk en zegen, en was zoo geacht, dat de verwijderdste volken hem als hun scheidsrechter<span class="pagenum"><a name="Page_99" id="Page_99">[99]</a></span> @@ -3541,11 +3504,11 @@ te gemoet, te meer daar behalve bovengenoemden zich nog verschillende andere bonden onder de Germaansche stammen gevormd hadden ter verdediging tegen en ter bestoking van het Romeinsche rijk. Zoo moest keizer -<span class="g">Aurelianus</span> het door Trajanus veroverde Dacië (275) +<span class="g">Aurelianus</span> het door Trajanus veroverde Dacië (275) aan de West-Gothen afstaan, een der weinige onder de Germaansche stammen, die toen reeds het christendom aangenomen hadden. Hunne voorouders hadden reeds -eeuwen vóór onze jaartelling benoorden de Zwarte zee +eeuwen vóór onze jaartelling benoorden de Zwarte zee gewoond en hadden daar een belangrijken stoot van de Grieksche (blz. <a href="#Page_32">32</a>) beschaving ondervonden. Zoo waren zij andere verwante stammen in ontwikkeling ver vooruit, @@ -3566,7 +3529,7 @@ zoeker of strever naar wijsheid. Pythagoras te Croton had het woord <p>1. Door keizer Diocletianus (300), die een energiek man was, had het Romeinsche rijk eene nieuwe inrichting -van ’t bestuur gekregen. Daar hij inzag, dat één enkel +van ’t bestuur gekregen. Daar hij inzag, dat één enkel vorst het zoo uitgebreide landgebied niet goed beheerschen kon, benoemde hij mederegenten, van welken er een in Trier woonde en Constantius heette. Deze man was wijs @@ -3583,12 +3546,12 @@ ondersteunen. Ook bleef hij nog heiden en was zelf heidensch opperpriester. Daarentegen spreidde zijne moeder Helena een grooten ijver voor de nieuwe leer ten toon. Zij liet in Palestina de plaatsen, die den christenen heilig -waren, weêr opzoeken en met prachtige tempels tooien. +waren, weêr opzoeken en met prachtige tempels tooien. Het christendom was van een vervolgden godsdienst tot een heerschenden geworden. Hoewel altijd nog heiden, beheerschte Constantijn toch de kerkelijke aangelegenheden der christenen, en schreef ook de eerste algemeene kerkvergadering -voor, die in 325 te Nicaea in Klein-Azië +voor, die in 325 te Nicaea in Klein-Azië plaats vond en aan vele twisten een einde maakte. Eene belangrijke daad van Constantijn was de stichting eener nieuwe hoofdstad. Hij verplaatste zijne residentie naar @@ -3596,7 +3559,7 @@ Byzantium (blz. <a href="#Page_32">32</a>), dat hij Nieuw-Rome noemde, maar later den naam Constantinopolis of <span class="g">Constantinopel</span>, d. i. Constantijnsstad, kreeg. De uitstekende ligging dezer nieuwe hoofdstad lokte eene groote bevolking. Toen ook -de kunstschatten van Azië, Griekenland en Italië aan +de kunstschatten van Azië, Griekenland en Italië aan Konstantinopel toevloeiden, zonk het oude Rome altijd meer in vergelijking met het nieuwe.</p> @@ -3610,7 +3573,7 @@ stierf toen weinige dagen daarna (337).</p> <p>2. De wreedheid, die Constantijn tegen zijne naaste verwanten geoefend had, had zich op zijn zoon <span class="g">Constantius</span> -overgedragen. Deze liet zijne medeërvende +overgedragen. Deze liet zijne medeërvende broeders en neven met andere bloedverwanten uit den weg<span class="pagenum"><a name="Page_102" id="Page_102">[102]</a></span> ruimen en wierp zich op als alleenheerscher. Dat hij, de eerste keizer, die christelijk opgevoed was, eene vervolging @@ -3618,16 +3581,16 @@ der heidenen verordende, mag niet onvermeld blijven. Toen hij zich in zijne slechte regeering niet meer alleen handhaven kon, riep hij zijn neef <span class="g">Julianus</span>, die in Athene was, tot zich en droeg hem weldra de -heerschappij in Gallië over.</p> +heerschappij in Gallië over.</p> -<p>Julianus, een beschaafd en dapper man, werkte in Gallië +<p>Julianus, een beschaafd en dapper man, werkte in Gallië gelijk eenmaal Caesar, herstelde overal rust en orde en verwierf zich de liefde van leger en volk. Daarop ijverzuchtig, verlangde Constantius, dat Julianus hem de beste troepen zou uitleveren. Toen begreep deze, wat hem te wachten stond, en ras besloten, rukte hij met zijne soldaten, die hem in Parijs tot keizer kozen, tegen Constantius -op, die echter reeds vóór den strijd stierf. Nu +op, die echter reeds vóór den strijd stierf. Nu was Julianus alleen keizer en toonde zich gedurende zijne korte regeering, die slechts 20 maanden duurde, zeer werkzaam, spaarzaam en rein van zeden. Daar hij van @@ -3646,7 +3609,7 @@ door een pijl getroffen, 32 jaar oud. — 363.</p> <p>1. Onder de opvolgers van keizer Julianus ontstond de groote volksverhuizing, die haar uitgangspunt in ’t<span class="pagenum"><a name="Page_103" id="Page_103">[103]</a></span> -binnenste van Azië had en zich door Europa, ja zelfs +binnenste van Azië had en zich door Europa, ja zelfs tot Afrika uitstrekte. Reeds sedert langen tijd waren de volken aan de grenzen van het Chineesche rijk in beweging geraakt. De Chineezen zelf hadden zich van de @@ -3674,12 +3637,12 @@ Europa verschenen, stieten zij op Germaansche volken, eerst op de <span class="g">Alanen</span>, die tusschen de Wolga en den Don woonden. Daar dezen zich tegen de wilde horden niet verdedigen konden, sloten zij zich bij hen aan en trokken -meê tegen de <span class="g">Gothen</span>, die de landen tusschen de Zwarte +meê tegen de <span class="g">Gothen</span>, die de landen tusschen de Zwarte zee en de oevers van den Weichsel tot aan de Oostzee bezaten, en zich in Oost- en West-Gothen onderscheidden. De Oostgothen, eerst opgejaagd, wierpen zich op de Westgothen, en dezen wendden zich tot <span class="g">Valens</span>, den -bestuurder der oostelijke provinciën van ’t Romeinsche<span class="pagenum"><a name="Page_104" id="Page_104">[104]</a></span> +bestuurder der oostelijke provinciën van ’t Romeinsche<span class="pagenum"><a name="Page_104" id="Page_104">[104]</a></span> rijk, die hun woonplaatsen binnen den Donau toestond. Toen zij echter tijdens een hongersnood door de keizerlijke beambten slecht behandeld werden, verhieven zij @@ -3688,17 +3651,17 @@ bij Hadrianopel 378. Reeds stonden de zegevierende Westgothen onder de muren van Constantinopel en dreigden met schrikkelijke verwoesting. Toen kwam de nieuw gekozen keizer <span class="g">Theodosius</span> ijlings aanzetten en bemiddelde -den vrede. De Gothen kregen Thracië, in ’t oosten +den vrede. De Gothen kregen Thracië, in ’t oosten van Turkije, en verbonden zich daarvoor, den keizer 40.000 man hulptroepen te leveren. Van nu af dienden altijd Gothen, grootendeels onder eigene bevelhebbers, in het Romeinsche leger, en kregen zelfs de aanzienlijkste plaatsen.</p> -<p>Kort vóór zijn dood, in het jaar 395, deelde Theodosius +<p>Kort vóór zijn dood, in het jaar 395, deelde Theodosius het Romeinsche rijk tusschen zijne beide zonen <span class="g">Honorius</span> en <span class="g">Arcadius</span>, zoodat de eerste de westelijke -provinciën met de hoofdstad Rome, de ander de oostelijke +provinciën met de hoofdstad Rome, de ander de oostelijke met Constantinopel kreeg. Van nu aan was er een <span class="g">West-Romeinsch</span> of <span class="g">Latijnsch</span> en een <span class="g">Oost-Romeinsch</span> of <span class="g">Grieksch</span> of <span class="g">Byzantijnsch</span> keizerrijk. @@ -3707,7 +3670,7 @@ heerschten in hunne plaats ministers, die elkander echter wederkeerig haatten en bestreden. Daardoor werd de wanorde in het rijk nog grooter. Het kwam eindelijk zoo ver, dat het hof te Constantinopel den krijgshaftigen -koning der Westgothen, <span class="g">Alarik</span>, tot een inval in Italië +koning der Westgothen, <span class="g">Alarik</span>, tot een inval in Italië aanspoorde. Dat was het begin van het einde der Romeinsche heerlijkheid.</p> @@ -3715,15 +3678,15 @@ heerlijkheid.</p> <p>2. Alarik trok — omstreeks 400 — aan het hoofd zijner Gothen verwoestend door Griekenland en van daar<span class="pagenum"><a name="Page_105" id="Page_105">[105]</a></span> -naar Italië. In dezen algemeenen nood vermanden zich +naar Italië. In dezen algemeenen nood vermanden zich de Romeinen onder leiding van <span class="g">Stilico</span> tot een ernstigen -tegenstand. Alarik trok zich naar Illyrië terug. Zijn +tegenstand. Alarik trok zich naar Illyrië terug. Zijn inval in ’t Romeinsche rijk had echter in geheel Europa het grootste opzien gebaard en andere volken tot dergelijke tochten aangemoedigd. De dappere Stilico beschermde nog het rijk. Maar toen hij door zijn wantrouwenden keizer, met wiens dochter hij gehuwd was, -ter dood gebracht werd, verscheen Alarik weêr en sloeg +ter dood gebracht werd, verscheen Alarik weêr en sloeg zijne legerplaats op in ’t gezicht van Rome. De groote stad, die sedert Hannibals tijden geen vijand voor hare poorten gezien had, sidderde voor de Duitsche legerscharen en @@ -3735,13 +3698,13 @@ al het goud en zilver der stad; maar later liet hij zich met dat de Romeinen met Alarik gesloten hadden, niet laten gelden. Toen keerde deze naar Rome terug en stelde een anderen keizer aan. Maar later onderhandelde Alarik -weêr met Honorius, en eischte bijzonder, dat zijn volk +weêr met Honorius, en eischte bijzonder, dat zijn volk vaste woonplaatsen zouden worden ingeruimd. Toen dit vergeefsch was, trok Alarik ten derden male tegen Rome op. Hij nam de stad stormenderhand en liet haar zijn volk ter plundering over. Het was in het jaar 410, ongeveer 800 jaar na de eerste verwoesting van Rome door -de Galliërs, en de trotsche stad, waar sedert 1000 jaar +de Galliërs, en de trotsche stad, waar sedert 1000 jaar ongehoorde schatten samengebracht waren, viel nu als buit in de macht van een „barbaarsch” volk. Maar gedurende hunne driedaagsche plundering gingen de Gothen @@ -3751,12 +3714,12 @@ zoo vreeselijk huisgehouden hadden.</p> <p><span class="pagenum"><a name="Page_106" id="Page_106">[106]</a></span></p> <p>Alarik bleef maar weinige dagen in Rome. Zijn plan -was, eerst Sicilië te veroveren en dan naar Afrika te +was, eerst Sicilië te veroveren en dan naar Afrika te gaan. Toen overviel hem plotseling de dood te Cosenza -in beneden-Italië. De treurende Gothen hielden een zeer +in beneden-Italië. De treurende Gothen hielden een zeer plechtige begrafenis. Zij leidden de rivier Busento af, begroeven in haar bedding Alarik met groote eerbewijzen, -en lieten toen het water zijn vorigen loop weêr, opdat +en lieten toen het water zijn vorigen loop weêr, opdat niemand de plaats zou vinden, waar de groote held der Gothen zijne rust gevonden had.</p> @@ -3765,27 +3728,27 @@ Gothen zijne rust gevonden had.</p> <p>3. Tot opvolger van Alarik werd zijn zwager, <span class="g">Athaulf</span> of <span class="g">Adolf</span>, gekozen. Deze verzoende zich met keizer Honorius, huwde diens zuster en verliet met de Gothen -het verwoeste Italië, om naar Frankrijk en Spanje te +het verwoeste Italië, om naar Frankrijk en Spanje te trekken. In beide landen aan deze en gene zijde der -Pyrenaeën ontstond een west-Gothisch rijk, dat tot groote +Pyrenaeën ontstond een west-Gothisch rijk, dat tot groote macht geraakte.</p> -<p>De oorlogen in Italië hadden de Romeinen gedwongen, -hunne troepen uit de provinciën terug te roepen. Daardoor +<p>De oorlogen in Italië hadden de Romeinen gedwongen, +hunne troepen uit de provinciën terug te roepen. Daardoor ging het eene land na het andere verloren en wel meestal aan Duitsche volkeren. De <span class="g">Vandalen</span> trokken -van het Reuzengebergte door Duitschland en Gallië naar +van het Reuzengebergte door Duitschland en Gallië naar Spanje, en eindelijk onder hun koning Geiserik naar Afrika, waar zij een groot rijk met de hoofdstad Karthago -stichtten, 429. De Bourgondiërs hadden zich intusschen -aan den boven-Rijn neêrgezet en bezaten een tijd lang -de stad Worms. Het noordwestelijk Gallië werd door +stichtten, 429. De Bourgondiërs hadden zich intusschen +aan den boven-Rijn neêrgezet en bezaten een tijd lang +de stad Worms. Het noordwestelijk Gallië werd door de <span class="g">Franken</span> ingenomen en naar hen <span class="g">Frankrijk</span> genoemd. Reeds ten tijde van Julianus den afvallige hadden zij zich aan den beneden-Rijn gevestigd, nu breidden zij zich van daar uit tot aan de Loire en vestigden een aantal kleine rijken. Doornik was een hunner hoofdzetels,<span class="pagenum"><a name="Page_107" id="Page_107">[107]</a></span> -later ook Soissons. Ook <span class="g">Brittannië</span> werd door +later ook Soissons. Ook <span class="g">Brittannië</span> werd door Duitsche volken, de <span class="g">Angelen</span>, <span class="g">Saksen</span>, en <span class="g">Jutten</span>, in bezit genomen. Het veroverde land kreeg den naam <span class="g">Angelland</span> of <span class="g">Engeland</span>.</p> @@ -3793,7 +3756,7 @@ in bezit genomen. Het veroverde land kreeg den naam <p>Terwijl zoo het eene deel na het andere van het Romeinsche rijk afgescheurd werd, kwamen de Hunnen, die middelerwijl tusschen Wolga en Donau gehuisd hadden, -met de oude en nieuwe bewoners der Romeinsche provinciën +met de oude en nieuwe bewoners der Romeinsche provinciën in altijd nadere beroering en brachten een groot gevaar voor allen.</p> @@ -3805,20 +3768,20 @@ geheel vereenigd en daardoor tot een machtig krijgsvolk verheven. Attila was klein van gestalte, maar ijzervast in lichaams- en wilskracht. Als hij de kleine fonkelende oogen rolde, overviel ook den dappersten een siddering. -Zijn hoofdlegerplaats was in Hongarijë, waar hij in een +Zijn hoofdlegerplaats was in Hongarijë, waar hij in een houten tent de vreemde gezanten ontving.</p> <p>Hij werd niet anders genoemd dan <span class="g">Godegisel</span>, d. i. geesel Gods tot tuchtiging der wereld. Voor dezen geesel beefden de volkeren allerwege. Eerst keerde Attila zijn -zwaard tegen de oostelijke provinciën en plunderde ze op +zwaard tegen de oostelijke provinciën en plunderde ze op schrikkelijke wijze. De keizer te Constantinopel sidderde en verbond zich, hem eene jaarlijksche schatting van 2000 pond goud te betalen. Nu keerde Attila zijn zwaard tegen het westen. In den winter van het jaar 450 brak de Hunnenheld aan het hoofd van een half millioen strijders uit zijne legerplaats in Hongarije op en trok, alles -verwoestend, naar den Rijn. Hier traden hem de Bourgondiërs +verwoestend, naar den Rijn. Hier traden hem de Bourgondiërs te gemoet; zij bezweken echter voor de talrijke horden. Even weinig vermochten de Franken en<span class="pagenum"><a name="Page_108" id="Page_108">[108]</a></span> andere Duitsche volken een grooten tegenstand te bieden. @@ -3830,29 +3793,29 @@ overwinnaars. Trier werd voor de vijfde maal verwoest. Reeds stonden de Hunnen voor Orleans. Toen kwam er hulp.</p> -<p>De Romeinsche veldheer <span class="g">Aëtius</span> had zich met <span class="g">Theodorik</span>, +<p>De Romeinsche veldheer <span class="g">Aëtius</span> had zich met <span class="g">Theodorik</span>, koning der Westgothen, verbonden en verscheidene Duitsche volkeren te hulp geroepen. Dit vereenigde leger trad Attila stout te gemoet. Op de <span class="g">Catalaunische velden</span> aan de Marne, bij het tegenwoordige <span class="g">Chalons</span>, begon de volkenslag, waarin Attila voor het eerst geslagen werd. Omtrent 200000 menschen waren gevallen. De -vorst der Hunnen trok naar Hongarijë terug.</p> +vorst der Hunnen trok naar Hongarijë terug.</p> <p>Reeds in het volgende jaar had Attila evenwel een nieuw leger bijeen. Daardoor stout gemaakt, eischte hij herhaaldelijk de hand van Honoria, de zuster van keizer Valentinianus III. Toen deze hem geweigerd werd, viel hij in -Italië. Hij veroverde en verwoestte de belangrijke handelsstad +Italië. Hij veroverde en verwoestte de belangrijke handelsstad Aquileja aan de Adriatische golf. Hare bewoners -vluchtten, gelijk de Tyriërs, op de vele kleine eilanden -der zee en stichtten daar het later zoo beroemde <span class="g">Venetië</span>. +vluchtten, gelijk de Tyriërs, op de vele kleine eilanden +der zee en stichtten daar het later zoo beroemde <span class="g">Venetië</span>. Intusschen verwoestte Attila de steden Verona, Milaan en vele andere, en trok naar Rome. De beangste hoofdstad vroeg een wapenstilstand, terwijl zij een gezantschap met den bisschop <span class="g">Leo</span> aan het hoofd naar Attila zond. Deze liet zich door de betaling eener geldsom tot den -aftocht bewegen, en keerde met zijne horden naar Hongarijë +aftocht bewegen, en keerde met zijne horden naar Hongarijë terug. Het was zijn laatste legertocht, want hij stierf reeds in ’t jaar 453.</p> <p><span class="pagenum"><a name="Page_109" id="Page_109">[109]</a></span></p> @@ -3863,9 +3826,9 @@ de macht der Hunnen niet staande houden. De onderworpene volken maakten zich onafhankelijk en tastten ook hunne oude onderdrukkers aan, die zich eindelijk aan de Wolga terugtrokken en onder andere volken verloren. In -hunne plaats zetten zich in Hongarijë de Oostgothen en -Langobarden neêr, die echter spoedig naar Italië opbraken -en hier nieuwe rijken stichtten. Daarmeê had de volksverhuizing +hunne plaats zetten zich in Hongarijë de Oostgothen en +Langobarden neêr, die echter spoedig naar Italië opbraken +en hier nieuwe rijken stichtten. Daarmeê had de volksverhuizing haar einde bereikt.</p> @@ -3873,9 +3836,9 @@ haar einde bereikt.</p> <p>1. Het West-Romeinsche rijk bestond bijna slechts nog -uit Italië, en ook dit land ijlde met snelle schreden zijn +uit Italië, en ook dit land ijlde met snelle schreden zijn ondergang te gemoet. De wantrouwende keizer Valentinianus -vermoordde den overwinnaar der Hunnen Aëtius, +vermoordde den overwinnaar der Hunnen Aëtius, den laatsten steun van ’t keizerrijk. Daarop werd Valentinianus op aansporing van den bevelhebber Maximus vermoord, die nu zelf den troon besteeg en de keizerin-weduwe @@ -3912,13 +3875,13 @@ die door de bevelhebbers der Duitsche troepen aangesteld en afgezet werden. De schepter ging van hand tot hand, tot eindelijk <span class="g">Odoaker</span>, een Duitsch legeraanvoerder, aan het oude rijk een einde maakte. Hij voerde -de <span class="g">Herulers</span> en <span class="g">Rugiërs</span> aan, die eertijds in Pommeren +de <span class="g">Herulers</span> en <span class="g">Rugiërs</span> aan, die eertijds in Pommeren woonden, en eischte voor de veeljarige diensten zijner troepen een gedeelte van den grondeigendom. Toen dat geweigerd werd, verdreef hij den laatsten Romeinschen keizer <span class="g">Romulus</span> (Augustulus of de kleine Augustus bijgenaamd, omdat hij pas 15 jaar oud was) -en noemde zich zelven <span class="g">koning van Italië</span>. Den +en noemde zich zelven <span class="g">koning van Italië</span>. Den jongen Romulus werd het leven geschonken en een slot met een jaarlijksch inkomen bewilligd. Daarentegen moest de vader van den laatsten keizer, de eergierige veldheer @@ -3951,7 +3914,7 @@ eigene wetten, gebruiken en talen.</p> <tr><td class="col1">1.</td><td class="col2">Inleiding</td><td class="col3"><a href="#Page_3">3</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">2.</td><td class="col2">De Egyptenaren</td><td class="col3"><a href="#Page_6">6</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">3.</td><td class="col2">Kores en de Perzen</td><td class="col3"><a href="#Page_13">13</a>.</td></tr> -<tr><td class="col1">4.</td><td class="col2">De Phoeniciërs</td><td class="col3"><a href="#Page_21">21</a>.</td></tr> +<tr><td class="col1">4.</td><td class="col2">De Phoeniciërs</td><td class="col3"><a href="#Page_21">21</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">5.</td><td class="col2">De Grieken</td><td class="col3"><a href="#Page_26">26</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">6.</td><td class="col2">De tocht naar Troje — 1200 v. C.</td><td class="col3"><a href="#Page_28">28</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">7.</td><td class="col2">Lycurgus en de Spartanen — 888</td><td class="col3"><a href="#Page_32">32</a>.</td></tr> @@ -3961,7 +3924,7 @@ eigene wetten, gebruiken en talen.</p> <tr><td class="col1">11.</td><td class="col2">Alcibiades</td><td class="col3"><a href="#Page_50">50</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">12.</td><td class="col2">Socrates — 400</td><td class="col3"><a href="#Page_52">52</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">13.</td><td class="col2">Epaminondas en Pelopidas</td><td class="col3"><a href="#Page_57">57</a>.</td></tr> -<tr><td class="col1">14.</td><td class="col2">Alexander van Macedonië</td><td class="col3"><a href="#Page_59">59</a>.</td></tr> +<tr><td class="col1">14.</td><td class="col2">Alexander van Macedonië</td><td class="col3"><a href="#Page_59">59</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">15.</td><td class="col2">De oude Romeinen</td><td class="col3"><a href="#Page_66">66</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">16.</td><td class="col2">Pyrrhus en Fabricius</td><td class="col3"><a href="#Page_70">70</a>.</td></tr> <tr><td class="col1">17.</td><td class="col2">De Punische oorlogen — 264-146</td><td class="col3"><a href="#Page_73">73</a>.</td></tr> @@ -4039,7 +4002,7 @@ bouwkunst)<br /> 60 “menscheid” in “menschheid” (is voor de menschheid een groote zegen)<br /> 71 “det” in “dat” (en zorgde, dat Fabricius vlak)<br /> 75 “3.” toegevoegd (3. Na den val der stad)<br /> -78 “5.” toegevoegd (5. Even vóórdat dit)<br /> +78 “5.” toegevoegd (5. Even vóórdat dit)<br /> 88 “met” toegevoegd (den machtigen heerser met een gouden zetel)<br /> 97 “onstond” in “ontstond” (Na de aardbeving ontstond een hongersnood)<br /> 99 “onstond” in “ontstond” (dezen edelen keizer ontstond echter)<br /> @@ -4051,386 +4014,7 @@ Geschiedenis zal).</p> inconsequente spelling.</p> </div> - - - - - - - -<pre> - - - - - -End of Project Gutenberg's Algemeene Geschiedenis in Verhalen, by H. Solger - -*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK ALGEMEENE GESCHIEDENIS IN VERHALEN *** - -***** This file should be named 40351-h.htm or 40351-h.zip ***** -This and all associated files of various formats will be found in: - http://www.gutenberg.org/4/0/3/5/40351/ - -Produced by Branko Collin, eagkw and the Online Distributed -Proofreading Team at http://www.pgdp.net - - -Updated editions will replace the previous one--the old editions -will be renamed. - -Creating the works from public domain print editions means that no -one owns a United States copyright in these works, so the Foundation -(and you!) can copy and distribute it in the United States without -permission and without paying copyright royalties. Special rules, -set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to -copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to -protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project -Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you -charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you -do not charge anything for copies of this eBook, complying with the -rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose -such as creation of derivative works, reports, performances and -research. They may be modified and printed and given away--you may do -practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is -subject to the trademark license, especially commercial -redistribution. - - - -*** START: FULL LICENSE *** - -THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE -PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK - -To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free -distribution of electronic works, by using or distributing this work -(or any other work associated in any way with the phrase "Project -Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project -Gutenberg-tm License (available with this file or online at -http://gutenberg.org/license). - - -Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm -electronic works - -1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm -electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to -and accept all the terms of this license and intellectual property -(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all -the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy -all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. -If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project -Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the -terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or -entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. - -1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be -used on or associated in any way with an electronic work by people who -agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few -things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works -even without complying with the full terms of this agreement. See -paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project -Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement -and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic -works. See paragraph 1.E below. - -1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" -or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project -Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the -collection are in the public domain in the United States. If an -individual work is in the public domain in the United States and you are -located in the United States, we do not claim a right to prevent you from -copying, distributing, performing, displaying or creating derivative -works based on the work as long as all references to Project Gutenberg -are removed. Of course, we hope that you will support the Project -Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by -freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of -this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with -the work. You can easily comply with the terms of this agreement by -keeping this work in the same format with its attached full Project -Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. - -1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern -what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in -a constant state of change. If you are outside the United States, check -the laws of your country in addition to the terms of this agreement -before downloading, copying, displaying, performing, distributing or -creating derivative works based on this work or any other Project -Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning -the copyright status of any work in any country outside the United -States. - -1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: - -1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate -access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently -whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the -phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project -Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, -copied or distributed: - -This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with -almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or -re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included -with this eBook or online at www.gutenberg.org/license - -1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived -from the public domain (does not contain a notice indicating that it is -posted with permission of the copyright holder), the work can be copied -and distributed to anyone in the United States without paying any fees -or charges. If you are redistributing or providing access to a work -with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the -work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 -through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the -Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or -1.E.9. - -1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted -with the permission of the copyright holder, your use and distribution -must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional -terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked -to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the -permission of the copyright holder found at the beginning of this work. - -1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm -License terms from this work, or any files containing a part of this -work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. - -1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this -electronic work, or any part of this electronic work, without -prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with -active links or immediate access to the full terms of the Project -Gutenberg-tm License. - -1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, -compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any -word processing or hypertext form. However, if you provide access to or -distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than -"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version -posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), -you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a -copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon -request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other -form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm -License as specified in paragraph 1.E.1. - -1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, -performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works -unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. - -1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing -access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided -that - -- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from - the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method - you already use to calculate your applicable taxes. The fee is - owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he - has agreed to donate royalties under this paragraph to the - Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments - must be paid within 60 days following each date on which you - prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax - returns. Royalty payments should be clearly marked as such and - sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the - address specified in Section 4, "Information about donations to - the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." - -- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies - you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he - does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm - License. You must require such a user to return or - destroy all copies of the works possessed in a physical medium - and discontinue all use of and all access to other copies of - Project Gutenberg-tm works. - -- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any - money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the - electronic work is discovered and reported to you within 90 days - of receipt of the work. - -- You comply with all other terms of this agreement for free - distribution of Project Gutenberg-tm works. - -1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm -electronic work or group of works on different terms than are set -forth in this agreement, you must obtain permission in writing from -both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael -Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the -Foundation as set forth in Section 3 below. - -1.F. - -1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable -effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread -public domain works in creating the Project Gutenberg-tm -collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic -works, and the medium on which they may be stored, may contain -"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or -corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual -property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a -computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by -your equipment. - -1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right -of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project -Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project -Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all -liability to you for damages, costs and expenses, including legal -fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT -LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE -PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE -TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE -LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR -INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH -DAMAGE. - -1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a -defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can -receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a -written explanation to the person you received the work from. If you -received the work on a physical medium, you must return the medium with -your written explanation. The person or entity that provided you with -the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a -refund. If you received the work electronically, the person or entity -providing it to you may choose to give you a second opportunity to -receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy -is also defective, you may demand a refund in writing without further -opportunities to fix the problem. - -1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth -in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER -WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO -WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. - -1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied -warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. -If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the -law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be -interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by -the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any -provision of this agreement shall not void the remaining provisions. - -1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the -trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone -providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance -with this agreement, and any volunteers associated with the production, -promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, -harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, -that arise directly or indirectly from any of the following which you do -or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm -work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any -Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. - - -Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm - -Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of -electronic works in formats readable by the widest variety of computers -including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists -because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from -people in all walks of life. - -Volunteers and financial support to provide volunteers with the -assistance they need, are critical to reaching Project Gutenberg-tm's -goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will -remain freely available for generations to come. In 2001, the Project -Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure -and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. -To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation -and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 -and the Foundation web page at http://www.pglaf.org. - - -Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive -Foundation - -The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit -501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the -state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal -Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification -number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at -http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent -permitted by U.S. federal laws and your state's laws. - -The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. -Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered -throughout numerous locations. Its business office is located at -809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email -business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact -information can be found at the Foundation's web site and official -page at http://pglaf.org - -For additional contact information: - Dr. Gregory B. Newby - Chief Executive and Director - gbnewby@pglaf.org - - -Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg -Literary Archive Foundation - -Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide -spread public support and donations to carry out its mission of -increasing the number of public domain and licensed works that can be -freely distributed in machine readable form accessible by the widest -array of equipment including outdated equipment. Many small donations -($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt -status with the IRS. - -The Foundation is committed to complying with the laws regulating -charities and charitable donations in all 50 states of the United -States. Compliance requirements are not uniform and it takes a -considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up -with these requirements. We do not solicit donations in locations -where we have not received written confirmation of compliance. To -SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any -particular state visit http://pglaf.org - -While we cannot and do not solicit contributions from states where we -have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition -against accepting unsolicited donations from donors in such states who -approach us with offers to donate. - -International donations are gratefully accepted, but we cannot make -any statements concerning tax treatment of donations received from -outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. - -Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation -methods and addresses. Donations are accepted in a number of other -ways including checks, online payments and credit card donations. -To donate, please visit: http://pglaf.org/donate - - -Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic -works. - -Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm -concept of a library of electronic works that could be freely shared -with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project -Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. - - -Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed -editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. -unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily -keep eBooks in compliance with any particular paper edition. - - -Most people start at our Web site which has the main PG search facility: - - http://www.gutenberg.org - -This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, -including how to make donations to the Project Gutenberg Literary -Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to -subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. - - -</pre> - +<div>*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 40351 ***</div> </body> </html> |
