summaryrefslogtreecommitdiff
diff options
context:
space:
mode:
-rw-r--r--.gitattributes3
-rw-r--r--39035-0.txt3974
-rw-r--r--39035-0.zipbin0 -> 71988 bytes
-rw-r--r--39035-8.txt3974
-rw-r--r--39035-8.zipbin0 -> 72050 bytes
-rw-r--r--39035-h.zipbin0 -> 706985 bytes
-rw-r--r--39035-h/39035-h.htm5244
-rw-r--r--39035-h/images/cap_d.pngbin0 -> 1981 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/cap_e.pngbin0 -> 2010 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/cap_g.pngbin0 -> 1954 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/cap_h.pngbin0 -> 2121 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/deco1.pngbin0 -> 472 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/deco2.pngbin0 -> 5683 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/deco3.pngbin0 -> 840 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/deco4.pngbin0 -> 119 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/deco5.pngbin0 -> 1054 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_fp-th.jpgbin0 -> 53994 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_fp.jpgbin0 -> 377695 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p045.pngbin0 -> 46265 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p047.pngbin0 -> 9722 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p053a.pngbin0 -> 18970 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p053b.pngbin0 -> 19775 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p063a.pngbin0 -> 5533 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p063b.pngbin0 -> 5328 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p076.pngbin0 -> 10611 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p077.pngbin0 -> 9228 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p084.pngbin0 -> 2675 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p085.pngbin0 -> 2821 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p086.pngbin0 -> 2811 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/ill_p098.pngbin0 -> 1515 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/title-th.pngbin0 -> 7590 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/title.pngbin0 -> 18656 bytes
-rw-r--r--39035-h/images/titlepage.jpgbin0 -> 14909 bytes
-rw-r--r--LICENSE.txt11
-rw-r--r--README.md2
35 files changed, 13208 insertions, 0 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes
new file mode 100644
index 0000000..6833f05
--- /dev/null
+++ b/.gitattributes
@@ -0,0 +1,3 @@
+* text=auto
+*.txt text
+*.md text
diff --git a/39035-0.txt b/39035-0.txt
new file mode 100644
index 0000000..5bcb004
--- /dev/null
+++ b/39035-0.txt
@@ -0,0 +1,3974 @@
+The Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by
+Pieter Helbert Damsté and Frans Eduard Pels Rijcken
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Nederlandsch handboek voor roeisport
+
+Author: Pieter Helbert Damsté
+ Frans Eduard Pels Rijcken
+
+Release Date: March 3, 2012 [EBook #39035]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: UTF-8
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT ***
+
+
+
+
+Produced by The Online Distributed Proofreading Team at
+http://www.pgdp.net
+
+
+
+
+
+ +----------------------------------------------------------------+
+ | |
+ | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: |
+ | |
+ | De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, |
+ | verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te |
+ | moderniseren. |
+ | |
+ | Bladzijde-nummering is verwijderd. Afgebroken woorden aan het |
+ | einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Voetnoten zijn |
+ | verplaatst naar het eind van de alinea met de verwijzing. |
+ | |
+ | De in het origineel als cursieve tekst is weergegeven als |
+ | _cursief_. Uitgespatieerde tekst is weergegeven als |
+ | ~uitgespatieerd~. |
+ | |
+ | Overduidelijke druk- en spelfouten in het origineel zijn |
+ | gecorrigeerd. Variaties in spelling zijn behouden: met/zonder |
+ | accent, met/zonder koppelteken, met/zonder hoofdletter, |
+ | met/zonder extra spatie). Bij het Kampioenschap van Nederland |
+ | (blz. 33) zijn in de bron geen uitslagen vermeld. |
+ | |
+ | Aan het eind van het boek volgt een overzicht van de |
+ | aangebrachte correcties. |
+ | |
+ | De illustraties zijn beschikbaar bij de html-versie van dit |
+ | e-boek op http://www.gutenberg.org/ |
+ | |
+ +----------------------------------------------------------------+
+
+
+
+
+ NEDERLANDSCH HANDBOEK
+
+ VOOR
+
+ ROEISPORT.
+
+
+[Illustratie: „Sans nom” op de Race van 8 Juni, 1884, bij Leiden.]
+
+
+
+
+ NEDERLANDSCH
+ HANDBOEK
+ VOOR
+ ~ROEISPORT~
+
+ DOOR
+
+
+ DR. P. H. DAMSTÉ
+ EN
+ F. E. PELS RIJCKEN,
+
+ Eereleden van de Leidsche Stud. R. V. „Njord”.
+
+
+ AMSTERDAM,
+ ~H. G. BOM.~
+ (Warmoesstraat 35.)
+
+
+
+
+INHOUD.
+
+
+ Blz.
+
+ VOORREDE.
+
+ I. GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT 1
+
+ Uitslag van wedstrijden 27
+
+ II. DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN 36
+
+ 1. De boot 36
+
+ 2. Onderdeelen der boot 41
+
+ III. HET ROEIEN 57
+
+ 1. Algemeene opmerkingen 57
+
+ 2. De eerste beginselen van de roeikunst 61
+
+ 3. Nadere behandeling van sommige punten 74
+
+ 4. Het scullen 93
+
+ IV. HET STUREN EN DE STUURMAN 102
+
+ V. DE TRAINING 109
+
+ VI. DE WEDSTRIJD 127
+
+
+
+
+VOORREDE.
+
+
+Hoezeer wij volkomen bewust waren van het gewicht der taak die wij op
+onze schouders laadden, toen wij het voornemen opvatten eene handleiding
+voor Roeisport te geven, en dus eenigen schroom gevoelden, vóórdat
+wij den arbeid aanvingen, zoo heeft toch de liefde voor den Roeisport
+dusdanig bij ons overgewogen, dat wij ons over dien schroom hebben
+kunnen heenzetten.
+
+De Engelschen toch hebben hun ~Bradford Woodgate~, de Franschen bezigen
+hiervan eene vertaling, in Duitschland verscheen onlangs een nieuwe druk
+van ~Silberer~'s „_Handbuch des Rudersport_,“ doch de nederlandsche
+roeiers moesten zich met een dier buitenlandsche werkjes behelpen.
+
+Wij weten zelven te goed, dat het boekje, dat wij hierbij aan de
+nederlandsche roeiers aanbieden, verre van volledig is en vele gebreken
+heeft, dan dat wij ons zouden inbeelden daardoor de zoo lang gevoelde
+leemte op voldoende wijze aan te vullen. Maar wij gelooven, dat ook in
+deze zaak veel op het doel moet worden gelet.
+
+Immers met eene vertaling van een der vreemde handboeken zouden onze
+roeiers al zeer weinig gebaat zijn. Er moet rekening worden gehouden met
+toestanden en gewoonten, die bij ons anders zijn dan in den vreemde.
+
+Daarom hebben wij den eersten stap gedaan om, uit eigen ervaring
+puttend, eene nederlandsche handleiding samen te stellen.
+
+Het is natuurlijk, dat wij ons daarbij meermalen tot buitenlandsche
+schrijvers hebben gewend, en daaraan vele bizonderheden ontleend.
+
+Evenmin zal men ons het recht ontzeggen om dáár, waar wij eene andere
+meening dan de hunne waren toegedaan, onze eigenen weg te bewandelen.
+Wij hebben steeds onze opinie, waar deze van die anderen verschilt,
+uitvoerig verdedigd, zoodat de lezer, na beide zijden gehoord te hebben,
+zijne keuze kan vestigen.
+
+Op verschillende plaatsen, maar voornamelijk waar gehandeld wordt over
+de boot en hare onderdeelen, hebben wij de engelsche, fransche en
+duitsche benamingen, voorzoover wij ze konden te weten komen, gevoegd
+achter de nederlandsche, daar het ons voorkwam, dat deze opgave van
+eenig nut kan zijn bij de correspondentie met engelsche, fransche en
+duitsche bootbouwers.
+
+Overigens hebben wij naar aanleiding van de volgende bladzijden weinig
+meer te zeggen. Al roept de lezer, na de vrucht onzer overpeinzingen
+te hebben doorloopen, nog niet uit: „_la vie sans canotage est une
+absurdité_,“ zoo hopen wij toch door onzen arbeid iets te mogen
+bijdragen tot het opwekken van de liefde voor den edelen roeisport
+in ons dierbaar vaderland!
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+EERSTE HOOFDSTUK.
+
+GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT.
+
+
+Het komt ons voor, dat aan het begin van eene handleiding over de
+theorie van het roeien eene korte uiteenzetting van de geschiedenis
+dezer schoone lichaamsbeweging niet mag gemist worden.
+
+Hierbij zouden wij echter in het duister rondtasten, zoo wij naar
+bronnen gingen zoeken om daaruit het ontstaan en de geleidelijke
+ontwikkeling na te gaan; slechts eene dorre, kale vlakte zou zich aan
+den navorscher voordoen.
+
+Maar er zijn oasen in die woestijn.
+
+Die oasen zijn de roeiwedstrijden. Deze zijn reeds in oude tijden
+zorgvuldig opgeteekend, hetzij als wetenswaardigheden in bestovene
+kronieken of als zangen van bewonderende dichters. En zoo kan de
+geschiedschrijver, van wedstrijd tot wedstrijd gaande, de vorderingen
+opmerken, die in de duistere tusschenruimten zijn gemaakt, en daaruit
+zijne gevolgtrekkingen met zekerheid maken.
+
+De wedstrijden dus zijn onze bronnen. Hoe en wanneer nu zijn deze
+ingesteld?
+
+Zoodra vele menschen eene kunst gaan beoefenen, zal het niet lang duren
+of zij zullen gaan beproeven, wie hunner het daarin wel het verst heeft
+gebracht. Eerst zal zulk een proef misschien eens bij toeval worden
+genomen, doch weldra vindt de zaak bij meerderen bijval, die door de
+begeerte naar eer en roem worden aangetrokken, en alras worden vaste
+dagen of feesten voor die proefnemingen vastgesteld.
+
+Zoo ontstonden wedstrijden en zoo ontstonden prijsvragen.
+
+Zoolang dus de menschen reeds geroeid hebben, zoolang bestaan ook reeds
+de roeiwedstrijden.
+
+Zonder eenigen grond wordt het roeien door ~Victor Silberer~ in zijn
+„_Handbuch des Rudersport_“ „een kind van den nieuweren tijd“ genoemd
+en gezegd, dat er geene bewijzen zijn voor de onderstelling, dat reeds
+bij de oude volken wedstrijden in het roeien gehouden zijn. Immers
+~Virgilius~ schildert in het 5de boek zijner _Aeneis_ een roeiwedstrijd
+op meesterlijke wijze, en, wat meer zegt, reeds de grijze ~Homerus~
+verkondigt in de _Odyssea_ herhaaldelijk den lof, dien de _Phaeaces_
+met de riemen hebben behaald!
+
+Maar het zou ons te ver voeren, de roeikunst van die oude tijden af na
+te gaan. Hen, die daarin belangstellen, verwijzen wij naar het werkje
+van den franschen ingenieur ~Aug. Jal~: _la flotte de César, Paris,
+Didot,_ 1861.
+
+Dezelfde schrijver heeft zich ook door zijne „_Archéologie navale_“
+en „_Glossaire nautique_“ verdienstelijk gemaakt ten opzichte van het
+zeewezen in de middeleeuwen.
+
+De oudste in Engeland bekende roeiwedstrijd is de sculler-race om
+„_Doggett's Coat and Badge_,“ die in 1715 door den tooneelspeler ~Mr.
+Thomas Doggett~ werd ingesteld en nog telken jare op den 1sten Augustus
+wordt gehouden op de Thames van London-bridge tot Chelsea. Slechts
+aan jonge „_watermen_“ (schippers), die hun leertijd juist hebben
+uitgediend, is het veroorloofd naar den prijs te dingen. Deze bestaat
+uit eene roode jas en zilveren medaille, waaraan door de londensche
+visschersvereeniging nog eene som gelds is toegevoegd. Daar slechts
+zes roeiers aan den wedstrijd mogen deelnemen, wordt, zoo zich
+meerdere mededingers hebben aangemeld, door voorafgaande wedstrijden
+(_trial-heats_, _Versuchsrennen_) uitgemaakt, welke zes deze eer waardig
+zijn.
+
+Vele wedstrijden, in daarop volgende jaren gehouden, zijn van minder
+belang.
+
+Reeds in 1815 vinden wij onderlinge wedstrijden tusschen verschillende
+colleges van Oxford vermeld in achtriemsgieken; in Cambridge werd
+hierin voor het eerst geroeid in 1826.
+
+Van de ongeveer driehonderd wedstrijden, die jaarlijks in Engeland
+gehouden worden, is die in achtriemsgieken tusschen de studenten van
+Oxford en Cambridge zeker wel de meest bekende. In 1829 had deze kamp
+voor het eerst plaats, en nu wordt reeds sedert eene reeks van jaren
+jaarlijks vóór de Paaschvacantie door geheel Engeland met spanning de
+dag verwacht, waarop het donkerblauw van Oxford en het lichtblauw van
+Cambridge op de 6838 M. lange baan van Putney naar Mortlake op de Thames
+naar den prijs zullen dingen. Reeds 43 malen is die strijd gestreden,
+waarin Oxford een viertal overwinningen op de tegenpartij vóór heeft.
+Aan Cambridge komt echter de eer toe het beste record te hebben behaald
+nl. in 1873 (tevens het eerste jaar, waarin de _sliding-seat_ werd
+gebruikt), toen de ~Cantabs~ in 19′ 35″ de overwinning behaalden.
+Vermelding verdient ook het jaar 1877, waarin de strijd onbeslist bleef,
+daar beide booten tegelijkertijd de winning-post bereikten: op eene zoo
+lange baan voorwaar eene groote zeldzaamheid!
+
+Een eigenaardig feest vond den 7den April 1881 te London plaats. Men
+vierde toen het vijftigste verjaarfeest der _University-race_, waaraan
+200 personen deelnamen van de 485, die hetzij als roeiers of als
+stuurlieden van 1829 af tot op den feestdag toe aan dien wedstrijd
+hadden deelgenomen. Als aandenken aan dien dag hebben de H.H. ~Treherne~
+en ~Goldie~ een boek uitgegeven in slechts 250 exemplaren, dat door ~Mr.
+W. Spottiswoode~, die in 1845 tot de Oxford-ploeg behoorde, gedrukt is.
+Het is van fraaie afbeeldingen voorzien en bevat eene beschrijving, niet
+slechts van den feestdag, maar ook van alle _University-races_, die van
+1829 tot 1880 hebben plaats gehad. Tevens geeft het een onderhoudend
+verhaal van de verdere loopbaan der roeiers. Uit de statistiek blijkt,
+dat de sterfte onder de raceroeiers geringer is dan gewoonlijk. Derhalve
+de hand aan de riemen, levenslustigen!
+
+Na de _Varsity_ (zooals het volk den Universiteitswedstrijd noemt),
+die telken jare het roeiseizoen opent, volgt in belangrijkheid de
+_Henley-Royal-Regatta_, in 1839 gesticht. Dit is het grootste nationale
+roeifeest in Engeland, dat meerdere dagen duurt en wedstrijden in
+allerlei gieken te aanschouwen geeft. Als het gloriepunt geldt echter
+steeds de „_race for the diamond challenge sculls_,“ daar de winner
+van de gouden, door een grooten diamant verbondene sculls tevens als de
+_champion-sculler_ van Europa wordt beschouwd. Verscheidene malen hebben
+duitsche en fransche scullers er aan deelgenomen, maar nog nimmer is het
+hun mogen gelukken de sculls aan de Engelschen te ontrukken.
+
+Nadat te Henley gebleken is, wie op de korte baan van 2100 M. de beste
+sculler is, kan deze eenige dagen daarna op de Thames zijne krachten op
+de lange baan beproeven, en wel op den wedstrijd „_for the Wingfield
+sculls and the amateur Championship of the Thames_,“ die jaarlijks op
+de Putney–Mortlake baan wordt gehouden om een paar zilveren sculls,
+welke in 1830 door ~Mr. H. C. Wingfield~ zijn geschonken.
+
+Na aldus de drie belangrijkste wedstrijden in Engeland genoemd te
+hebben, willen wij ook over andere landen het een en ander zeggen.
+En dan verdient in de eerste plaats Duitschland genoemd te worden,
+daar in geen ander land het roeien in de laatste jaren zóó in bloei
+is toegenomen als dáár. Het aantal roeivereenigingen wordt nog steeds
+grooter, de wedstrijden jaarlijks menigvuldiger, de deelneming
+voortdurend drukker.
+
+Dat verschijnsel is te verklaren, wanneer wij zien, hoe personen van
+het vorstelijk huis van hunne belangstelling doen blijken door hunne
+tegenwoordigheid op wedstrijden, door het uitloven van prijzen en—door
+zelven aan den roeisport een werkzaam aandeel te nemen.
+
+Ook komt de eer van dien vooruitgang voor een groot gedeelte toe aan
+het in 1883 opgerichte weekblad, de „_Wassersport_“, door ~Carl Otto~
+te Berlin uitgegeven. Sedert alle roeivereenigingen van het duitsche
+rijk in datzelfde jaar tot den „_Deutschen Ruderverband_“ toetraden en
+genoemd blad tot haar officiëel orgaan verklaarden, heeft het steeds
+zijne lezers op de hoogte gehouden van alle gewichtige feiten, die op
+dat gebied voorvielen, en hoogst belangrijke beschouwingen over het
+roeien in zijne kolommen te genieten gegeven. Wij raden dan ook alle
+vereenigingen, die op de hoogte willen blijven van den roeisport in het
+buitenland, ten zeerste aan om dit blad in het clubgebouw ter lezing te
+leggen.
+
+Op overwinningen tegen buitenlanders kunnen de duitsche roeiers zich
+niet zeer beroemen. Hoewel zij in ~Achilles Wild~, die reeds drie jaren
+„_die Meisterschaft von Deutschland_“ heeft veroverd en haar slechts
+ééns door een ongeluk aan een ander heeft moeten afstaan, een goed
+sculler bezitten, zoo is deze in Engeland nog steeds verslagen.
+
+Men moet het in de Frankforter R. G. „_Germania_“ toch op prijs stellen,
+dat zij de energie hebben zich met de Engelschen te gaan meten. In 1880
+dong een achtriems van deze club te Henley mede naar den prijs, in 1881
+en 1883 ~Wild~ in de sculling, terwijl in 1884 ~Dr. W. R. Patton~ van
+de Cölner R. C. en ~J. Bungert~ van de Mannheimer R. C. hunne krachten
+aldaar beproefden. Alles tevergeefs: de _diamond sculls_ zijn in
+Engeland gebleven en het eenige succes, waarop de Duitschers zich
+beroemen kunnen, is, dat ~Wild~ den champion van Frankrijk, die ook
+deelnam, heeft verslagen.
+
+En dat zegt veel: want ~Lein~ heeft zich als sculler een goeden naam
+verworven en gedurende acht jaren den titel „_Champion de France_“
+gevoerd.
+
+In 1883 nam de _Club Nautique de Gand_ aan verscheidene nummers van den
+grooten wedstrijd te Frankfort deel en behaalde bij allen den eersten
+prijs.
+
+Jammer is het, dat de haat tegen de Duitschers zich bij de Franschen tot
+in den sport heeft vastgeworteld: een paar voorbeelden hiervan willen
+wij mededeelen.
+
+Een Berlijner had aan een bootbouwer te Parijs eenige teekeningen
+besteld, welke deze in verschillende sportbladen had geadverteerd. In
+plaats van de gevraagde platen ontving de Duitscher een brief met de
+mededeeling, dat de schrijver als oud-kavallerist dacht deel te nemen
+aan het innemen van Berlijn en dan meteen de teekeningen zou
+medebrengen.
+
+Eenige jaren geleden lieten twee duitsche scullers zich inschrijven voor
+het championnaat van Frankrijk, dat internationaal is. Zij werden echter
+door het komitee afgewezen op grond, dat het voor de handelingen van het
+plebs van Parijs niet kon instaan bij eene mogelijke overwinning van een
+Duitscher.
+
+Wij herhalen het: jammer, dat zelfs de sport onder de politiek lijden
+moet!
+
+De Franschen hebben, behalve den wedstrijd om het championnaat, nog
+een roeifeest, dat even als de _university-race_ in Engeland, duizende
+toeschouwers lokt: dit is de „_match annuel en outrigger à huit
+rameurs_“ tusschen de _Rowing Club_ en de _Société Nautique de la
+Marne_.
+
+De club, die tegenwoordig in Frankrijk wel het meest van zich doet
+hooren, is de _Cercle de l'Aviron_ te Parijs. Jaarlijks ondernemen de
+roeiers van die vereeniging tallooze tochten naar België, Italië en
+Zwitserland, en hunne jaarverslagen wijzen telken jare geheele lijsten
+van overwinningen aan.
+
+Zoo zien wij, dat ook in Frankrijk de roeisport vooruitgaat en in eere
+is. Voorwaar een verblijdend verschijnsel, als wij weten, dat aldaar
+vroeger het woord „_canotier_“ een scheldnaam was, gelijkstaande met
+„_leeglooper_“, „_deugniet_“ en dergelijke lieflijkheden. Dit verhaalt
+ons tenminste de schrijver van het werkje, dat den tocht van drie
+fransche roeiers door Nederland beschrijft, en dat ieder met genoegen
+zal lezen. Het draagt tot titel „_En canot de Douai au Helder_“ en is
+in 1880 te Parijs uitgegeven.
+
+In België ziet het er, zoo men de bladen op dat gebied aldaar moet
+gelooven, in de roeiwereld tegenwoordig niet zoo rooskleurig uit.
+Fransche en nederlandsche ploegen hebben zich in de laatste jaren
+herhaaldelijk de meerderen in het roeien betoond op wedstrijden, waaraan
+Belgen deelnamen. Maar wat erger is en noodwendig belemmerend op den
+vooruitgang van den sport in dat land moet werken: er heerscht tusschen
+de vereenigingen geen vriendschappelijke geest; vooral de brusselsche
+roeiclubs zijn voortdurend met elkaar op een gespannen voet.
+
+Gent was in de laatste jaren steeds aan het hoofd bij wedstrijden en
+hare roeiers waren alom gevreesd, doch ook de _Club Nautique Gantois_
+deed in 1885 weinig meer van zich hooren.
+
+Moge daar in dien toestand spoedig verbetering komen! Er zijn althans
+mannen genoeg, die zich alle mogelijke moeite geven tot verheffing van
+den edelen roeisport.
+
+Eéne zaak is er, die, onzes inziens, zoowel in Frankrijk als in België
+een nadeeligen invloed zal uitoefenen. Wij bedoelen de gewoonte, dat
+raceroeiers de prijzen, die zij behalen, zelven behouden, daar zij
+ook zelven hunne racebooten moeten aanschaffen en voor eigen kosten de
+wedstrijden mogen bezoeken. Deze instelling moet slecht werken, daar eer
+en onbaatzuchtigheid dikwijls zullen moeten plaats maken voor winstbejag
+en hebzucht.
+
+Alles, wat wij tot dusver hebben medegedeeld, betrof slechts amateurs
+d. w. z. roeiers, die het roeien slechts uit liefhebberij beoefenen en
+er geene broodwinning van maken. Dat is nu wel zeer kort gezegd, maar
+toch is er heel wat papier verbruikt, vóórdat men het ééns was over
+de definitie; tenminste in landen waar eene grens tusschen amateurs
+en professionals of roeiers van beroep noodig was: want in Nederland
+bestaat eene zoodanige definitie niet, omdat zij tot nog toe niet
+noodig is geweest. Wij laten de definities, die in Engeland, Frankrijk
+en Duitschland zijn aangenomen, hier volgen.
+
+_Definition of an Amateur._
+
+ „An amateur oarsman or sculler must be an officer of Her
+ Majesty's army or navy or civil service, a member of the liberal
+ professions, or of the Universities or Public schools, or of any
+ established Boat- or Rowing-Club not containing mechanics or
+ professionals; and must not have competed in any competition for
+ either a stake, or money, or entrance-fee, or with or against
+ a professional for any prize; nor have ever taught, pursued,
+ or assisted in the pursuit of athletic exercises of any kind
+ as a means of livelihood; nor have ever been employed in or
+ about boats or in manual labour; nor be a mechanic, artisan,
+ or labourer.“
+
+_Henley Definition. April 8, 1879._
+
+ „No person shall be considered an amateur oarsman or sculler:
+ First, who has ever competed in any open competition for a stake,
+ money, or entrance fee; secondly, who has ever competed with
+ or against a professional for any prize; thirdly, who has ever
+ taught, pursued, or assisted in athletic exercises of any kind as
+ a means of gaining a livelihood; fourthly, who has been employed
+ in or about boats for money or wages; fifthly, is or has been by
+ trade or employment, for wages, a mechanic, artisan or labourer.“
+
+_Classification des rameurs._
+
+ „Ne seront admis dans les courses d'amateurs, que les rameurs
+ amateurs faisant partie des Sociétés invitées.
+
+ Ne sont pas amateurs:
+
+ 1. Les watermen, c'est-à-dire les rameurs, faisant profession de
+ courir.
+
+ 2. Les rameurs courant ou ayant couru à gages.
+
+ 3. Les marins, mariniers, passeurs, pêcheurs par état, gardiens
+ de garages, ouvrier constructeurs de bateaux, enfin toutes les
+ personnes, tirant leur moyen d'existence d'une façon habituelle
+ et continuelle dans les chantiers de construction et sur les
+ bateaux.“
+
+_Deutscher Amateur-Begriff._
+
+ „Amateur ist Jeder, der das Rudern nur aus Liebhaberei mit
+ eigenen Mitteln betreibt oder betrieben hat und dafür keinerlei
+ Vermögensvortheile in Aussicht hat oder hatte, weder als Arbeiter
+ seinen Lebensunterhalt lediglich durch seiner Hände-Arbeit
+ verdient, noch in irgend einer Weise beim Bootbau beschäftigt
+ ist. Wer um Geldpreise startet oder nach dem 1 Januar 1884
+ gestartet hat, wird nicht als Amateur betrachtet.“
+
+Wij weten alzoo wat _professionals_ zijn en willen eens nagaan, welke
+merkwaardige feiten in Engeland, Amerika en Australië onder hen zijn
+voorgevallen. In andere landen namelijk, waar het roeien nog niet door
+de lagere standen beoefend wordt, komt het professionalroeien niet voor.
+Want de beroemdste professionals zijn grootendeels menschen uit de
+volksklasse en worden, wanneer zij het tot zekere hoogte in de kunst
+gebracht hebben, meestal door rijke bewonderaars in staat gesteld om
+er zich geheel aan te wijden, zoodat men, lezende dat twee personen om
+duizend pond sterling geroeid hebben, niet denken moet, dat zij hierbij
+zelven deze som op het spel hebben gezet; die gelden zijn dan door de
+_backers_ van elke partij bijeengebracht. Zooals hier een sportsman
+zijne paarden op een wedren laat loopen, zoo hebben clubs, bestaande uit
+rijke Amerikanen, hunne roeiers.
+
+Hierop zijn natuurlijk uitzonderingen: ook amateurs, die het ver hebben
+gebracht, worden somtijds professionals, doordien zij zich met andere
+beroepsroeiers hebben gemeten.
+
+In Engeland zijn jaarlijks ook voor deze klasse van roeiers bepaalde
+wedstrijden, zooals de sedert 1854 bestaande _Thames National Regatta_
+en de in 1868 gestichte _Thames Regatta_. Dan zijn er vooral in Amerika
+rijke liefhebbers, die dergelijke wedstrijden laten houden: zelfs de
+„_Hop Bitters Company_“ heeft reeds meermalen 5000 Dollars voor dat
+doel geschonken! Wel een echt amerikaansche manier om reclame te maken,
+waartegen de „maandbladen tegen de kwakzalverij“ bezwaarlijk zullen
+kunnen concurreeren. Op dezelfde wijze voerde genoemde _Company_ hare
+geneesmiddelen in 1879 in Engeland in.
+
+De meeste wedstrijden tusschen professionals hebben plaats tengevolge
+van eene uitdaging van een der beide partijen om eene bepaalde som.
+
+Tot 1876 had altijd een Engelschman den titel „_Championsculler of the
+World_“ gevoerd, doch in dat jaar werd ~J. H. Sadler~ door den beroemden
+Australiër ~E. Trickett~ verslagen, die door deze zege „_the Championship
+of the World_“ en 400 £ mede naar zijn vaderland nam.
+
+Deze sculler werd in 1851 te Greenwich aan de Paramatta geboren. In 1875
+werd hij „_Champion of Australia_“ en in 1876 bracht een ondernemend en
+rijk hotelhouder uit Sidney hem naar Engeland en deed hem daar tegen
+den engelschen champion ~Sadler~ in 't strijdperk treden.
+
+Na het aldaar behaalde succes bevocht hij vele nieuwe lauweren, tot hij
+in 1879 op de _Sidney-Regatta_, waaraan hij ziek deelnam, door een ander
+bekend Australiër ~Laycock~ geslagen werd.
+
+Na zijne herstelling bewees hij dezen echter duidelijk zijne
+meerderheid.
+
+Toch zou hij den trotschen titel niet lang meer behouden.
+
+Doch niet meer uit Engeland dreigde voor hem het gevaar: een Amerikaan
+zou het zijn, die de eer van „den besten roeier der wereld te bezitten“
+van Australië op Canada moest overbrengen.
+
+Deze man was ~Edward Hanlan~.
+
+Hij werd den 12den Juli 1855 te Toronto geboren en behaalde in 1873
+zijne eerste overwinning op een match om het „_Amateur Championship in
+the Toronto Bay_.“ Hij werd daarop professional. In 1877 daagde ~Wallace
+Ross~, de gevierde sculler der United States, alle roeiers van Canada uit
+om een match van 5 mijlen met hem te roeien om 1000 dollars. ~Hanlan~ nam
+dit aan en won gemakkelijk.
+
+Deze zege, die hem tot „_Champion of Canada_,“ maakte, deed opeens
+aller oogen op hem vestigen, zoodat zich te Toronto een _Hanlan-Club_
+vormde, die zijne verdere leiding op zich nam. Nu had ~Hanlan~ voor
+niets meer te zorgen. De Club sloot alle overeenkomsten voor hem,
+zorgde op de mildste wijze voor zijne behoeften, betaalde zijne reis-
+en verblijfkosten, gaf hem de beste trainers, kortom, beschouwde hem
+als haar dierbaarst kleinood.
+
+In 1878 sloeg hij den New-Yorker sculler ~Plaisted~ om 2000 Doll., dan
+~Evan Morris~ om 1000 Doll. en het _Championship_ van geheel Amerika,
+daarop nogmaals ~Wallace Ross~ en eindelijk ~Courtney~.
+
+In 1879 ging hij naar Engeland om tegen den engelschen champion ~W.
+Elliott~ te roeien.
+
+Daar het er de _Hanlan-Club_ om te doen was zooveel mogelijk geld uit
+de zaak te slaan, sloten zij vooraf eene overeenkomst, volgens welke
+~Hanlan~ eerst met ~Hawdon~, een engelsch sculler van den tweeden rang,
+zou roeien, terwijl de overwinnaar in dezen match zich met ~Elliott~
+zou meten. De list gelukte volkomen: de Engelschen, die ~Hanlan~
+niet kenden, wedden los en vast op hun champion, en de heeren van de
+_Hanlan-Club_, die allen waren overgekomen, namen alle weddenschappen
+aan.
+
+Toen ~Hawdon~ met gemak was verslagen, vermoedden de Engelschen nog
+niets, daar ~Hanlan~ hierbij zich niet had behoeven in te spannen,
+zoodat zij voortgingen met op ~Elliott~ te wedden. Maar daar versloeg
+hij op den 16den Juni zonder de minste moeite ook ~Elliott~, waardoor
+hij den „_Sportsman Challenge Cup_“ en 400 £ veroverde, benevens het
+„_Championship of England_“, en met stroomen vloeide het engelsche goud
+in de zakken der Amerikanen.
+
+Bij zijne terugkomst te Toronto werd hij feestelijk ingehaald door eene
+deputatie met den burgemeester aan het hoofd, en de burgers schonken hem
+een huis van 20,000 Doll.
+
+In 1880 veroverde hij door zijne overwinning op ~Trickett~ het
+„_Championship of the World_.“ Deze match had plaats op de Thames en
+staat in de annalen van het roeien als een der gewichtigste feiten
+opgeteekend. Uit drie werelddeelen stroomden belangstellenden te samen
+om den strijd te aanschouwen, en het moet voor de Engelschen een
+beschamend gezicht zijn geweest op hunne oude Thames een Amerikaan en
+Australiër om den titel te zien strijden, dien vroeger een der hunnen
+bezat.
+
+Doch na 1876 hadden de Engelschen, wat het professionalroeien betreft,
+zich nooit meer kunnen opheffen.
+
+In 1881 sloeg hij ~Laycock~, die intusschen ~Trickett~ overwonnen had en
+het daarom ook tegen ~Hanlan~ meende te kunnen opnemen, met het meeste
+gemak en wederom op de Thames.
+
+In 1882 stak hij nogmaals naar Engeland over en versloeg er den
+engelschen Champion ~Boyd~ en ~Trickett~ nogmaals.
+
+In 1883 won hij het in Amerika tegen ~Kennedy~, ~W. Ross~ en vele anderen.
+
+In Mei 1884 versloeg hij nogmaals ~Laycock~.
+
+Doch ditzelfde jaar zou noodlottig voor hem worden en zijne gelukszon
+zien ondergaan.
+
+Het bericht in de „_Wassersport_“ over zijne nederlaag begon met de
+woorden:
+
+ „Es fiel ein Stern herunter
+ Aus seiner funkelnden Höh'“
+
+En zoo was het. ~Hanlan~ had eindelijk zijn meester gevonden.
+
+Het was ~William Beach~, die hem op de Paramatta bij Sidney versloeg
+om 500 £ en het _Championship of the World_ op den 16den Aug. 1884.
+Wel is waar bevocht hij den 7den Febr. 1885 terzelfde plaatse weer de
+overwinning tegen den Australiër ~Clifford~ om 1000 £ en gaf daardoor
+zijne landgenooten hoop, dat hij ook tegen ~Beach~ bij een tweeden match
+zou kunnen stand houden, doch deze verwachting werd niet vervuld. Den
+28sten Maart 1885 werd hij wederom door ~Beach~ geslagen, die thans den
+_Championtitel_ voert.
+
+~Beach~ is den 6den Sept. 1852 geboren en woont te Dapto, Illawara.
+Van beroep is hij smid en gelukkige vader van zes kinderen. Zijn
+lichaamskracht moet buitengewoon zijn. Vóór zijn match met ~Hanlan~
+had hij de beroemdste scullers van Australië verslagen.
+
+Den 24sten Oct. 1885 leed ~Hanlan~ zijne derde nederlaag op de Hudson.
+Thans was het ~John Teemer~, een nog jong en veelbelovend amerikaansch
+sculler, die hem overwon.
+
+Daar ~Beach~ niet veel van reizen en trekken schijnt te houden, zullen
+~Teemer~ en ~Ross~ wel de helden van het naderend seizoen zijn. Met de
+Engelschen behoeven zij althans geen rekening te houden, daar ~Ross~ nog
+den 10den Maart 1884 den besten engelschen roeier ~Bubear~ uit Putney
+versloeg, dien hij zelfs 10 sekonden had vóórgegeven.
+
+ * * * * *
+
+Werpen wij thans een blik op ons land.
+
+Op pag. 17 van zijn _Handbuch des Rudersport_ houdt ~V. Silberer~ eene
+lange lofrede op de „_Allgemeine Sport-Zeitung_,“ die sedert 1880 te
+Weenen het licht ziet, en—waarvan hij zelf uitgever is. Om nu nog niet
+eens te spreken van het andere fraais, dat hij er van verhaalt, wil
+ik op één volzin wijzen. Van het (dus: zijn) blad sprekend zegt hij:
+„_welche heute das erklärte Central-Organ des gesammten Rudersportwesens
+in Deutschland, Oesterreich, Holland, Russland und der Schweiz bildet_“.
+
+Wij zijn met den roeisport in twee van deze vijf rijken bekend, en in
+Duitschland is het _Central-Organ des gesammten Rudersportwesens_ niet
+de _A. Sportzeitung_, maar de _Wassersport_; terwijl Nederland zijn
+_Nederlandsche Sport_ heeft. Op de drie overblijvende landen zal dus ook
+wel iets af te dingen zijn.
+
+Het eerste nummer der „_Nederlandsche Sport_“ zag den 11den Maart 1882
+het licht. Hoewel het aan alle takken van sport is gewijd en stukken
+over paardrijden en honden de meeste ruimte gewoonlijk in beslag nemen,
+zoo staan hare kolommen toch ook voor de roeiers steeds open; mochten
+dezen toch wat meer van deze gastvrijheid gebruik maken!
+
+In de eerste nummers gaf de „_Sport_“ eenige mededeelingen over het
+ontstaan der oudste roeivereenigingen in Nederland. Wij ontleenen
+daaraan de volgende bizonderheden.
+
+In 1846 werd te Rotterdam onder voorzitterschap van ~Prins Hendrik der
+Nederlanden~ „_de Koninklijke Nederlandsche Yacht-Club_“ opgericht,
+waarvan ook vele Amsterdammers lid werden. Spoedig ontstond er tusschen
+de Rotterdammers, die ~Prins Hendrik~ aan hun hoofd hadden, en de
+Amsterdammers geschil, waarop deze laatsten hun ontslag namen. Deze
+vereeniging bestaat thans niet meer.
+
+In 1847 werd daarop te Amsterdam „_de Koninklijke Nederlandsche Zeil- en
+Roeivereeniging_“ opgericht, waarvan in het volgend jaar ~Koning Willem
+II~ het beschermheerschap aanvaardde. Reeds op 30 Sept. 1848 hield deze
+vereeniging haar eersten wedstrijd op het IJ.
+
+In 1848 werd de R. en Z. V. „_de Hoop_“ te Amsterdam gesticht, wier
+leden in datzelfde jaar den prijs, bestaande uit een door ~Prins
+Hendrik~ geschonken beker, wonnen tegen twee rotterdamsche ploegen.
+Deze wedstrijd werd den 12den Aug. 1848 te Rotterdam gehouden en is de
+eerste giekenwedstrijd in ons land geweest.
+
+In 1851 werd daarop te Rotterdam de Z. en R. V. „_de Maas_“ opgericht.
+
+Het IJ, de Maas en de Amstel waren nu weldra getuigen van vele
+wedstrijden tusschen deze beide vereenigingen, wier ploegen binnen
+korten tijd ook in België (vooral te Antwerpen en Namen) en in Frankrijk
+tallooze overwinningen behaalden.
+
+Toch duurde het lang, voordat nieuwe clubs naast de bestaande verrezen.
+Eerst het jaar 1874 gaf aan verscheidene nieuwe vereenigingen tegelijk
+het leven; en na dat jaar werd het getal grooter en grooter en neemt
+nog jaarlijks toe. Zonderling is het echter dat zij steeds zijn beperkt
+gebleven tot het midden van ons land; in het noorden en zuiden wordt het
+roeien weinig of niet beoefend.
+
+Vooral op de laatste jaren kunnen de nederlandsche roeiers met trots
+terugzien: 1883, 1884 en 1885 zagen daar, waar Nederlanders en vreemden
+tegen elkaar kampten, steeds de eersten de zege behalen; jammer alleen,
+dat wij, door ons verzet tegen den outrigger, van de engelsche races
+kunnen wegblijven.
+
+Ook het inwendige, de verhouding onderling is bij ons beter dan in den
+vreemde.
+
+De _Nederlandsche_ Sport bevat geene hatelijke stukken, die door
+afgunst zijn in de pen gegeven, geene kleingeestige haarklooverijen,
+waardoor verslagene roeiers hunne nederlaag tot eene overwinning
+trachten te maken, geene berichten van vijandelijkheden in dezelfde
+club.
+
+Onze amateurs zijn ook als roeiers gentlemen.
+
+De _Koninkl. Ned. Zeil- en Roeivereeniging_ wordt dikwijls en terecht
+de moeder der nederlandsche roeivereenigingen genoemd. Want niet
+alleen is zij de oudste en worden hare jaarlijksche wedstrijden als
+de belangrijkste van het seizoen beschouwd, ook in een ander opzicht
+betoont zij zich eene zorgzame moeder voor hare kinderen.
+
+Toen in 1885 eene zaak van algemeen belang voor de nederlandsche
+roeivereenigingen het gemis aan een gemeenschappelijken band deed
+gevoelen, riep zij afgevaardigden van alle clubs tot eene vergadering te
+Amsterdam samen; en de zaak werd na onderlinge overweging tot een goed
+einde gebracht. Het gold toen de stuurmanskwestie, waarop wij nader
+zullen terugkomen.
+
+Deze vergadering had het nut van dergelijke bijeenkomsten zóó duidelijk
+doen uitkomen, dat zij nu jaarlijks plaats vindt. Ook op die van
+1886 werd een belangrijk voorstel aangenomen: de instelling van een
+nederlandsch kampioenschap in single-sculling outrigged.
+
+Nadat dit in principe was besloten, verklaarden zich een twintigtal
+heeren bereid om dien wedstrijd, zoowel de leiding als de kosten, geheel
+op zich te nemen, en er een schoonen prijs voor uit te loven, die drie
+achtereenvolgende jaren moet gewonnen worden alvorens het eigendom te
+worden van den overwinnaar.
+
+Zij verbonden er echter de voorwaarde aan, dat de wedstrijd steeds bij
+Amsterdam zou plaats vinden en internationaal moest zijn.
+
+Tegen het eerste bestond natuurlijk geen bezwaar. De vergadering
+verzocht echter om den wedstrijd althans de eerste keeren slechts voor
+nederlandsche scullers open te stellen.
+
+Volgens onze meening ware het beter een wedstrijd om het kampioenschap
+van Nederland ook alleen voor Nederlanders te houden. Het doel van eene
+dergelijke race is immers: te zien wie van de nederlandsche scullers de
+beste is.
+
+Het is daarom onze hoop, dat de milde gevers hiertoe nog mogen
+besluiten.
+
+ * * * * *
+
+Ook ons land heeft sedert eenige jaren zijne universiteitswedstrijden.
+
+In Leiden was in 1874 de Studenten-Roeivereeniging „_Njord_“ opgericht,
+en in 1876 zag te Delft de Studenten-Roeivereeniging „_Laga_“ het licht.
+
+In 1878 vond, op eene uitdaging van Leiden, aldaar de eerste wedstrijd
+tusschen beide clubs in vierriemsgieken (vaste banken) plaats, die met
+de overwinning van Delft eindigde.
+
+In 1880 gaf _Njord_ een internationalen wedstrijd en verbond hieraan
+wederom eene race voor Studenten-Roeivereenigingen, waarin Delft
+nogmaals met 10 sekonden de zege behaalde.
+
+Bij dezen wedstrijd roeide Delft op sliding-seats, terwijl Leiden ook
+eene boot met sliding-seats had, doch de slidings had vastgezet, wijl de
+ploeg aan vaste banken de voorkeur gaf.
+
+In 1881 had de wedstrijd te Delft plaats; beide partijen roeiden op
+sliding-seats, Delft in eene boot van ~Dossunet~, Leiden in eene van
+~Clasper~. Voor de derde maal was Delft de eerste met een voorsprong van
+12 seconden.
+
+In 1882 dong ook de inmiddels opgerichte Studenten-Roeivereeniging
+„_Triton_“ uit Utrecht mede. De wedstrijd had plaats te Leiden en de
+uitslag was, dat Leiden de overwinning behaalde. Delft kwam 35 seconden
+later als tweede aan en Utrecht bleef 18 sekonden achter Delft.
+
+In 1883 werd door de drie vereenigingen de „_Nederlandsche
+Studentenroeibond_“ opgericht. Het bestuur hiervan bestaat uit zes leden
+(van elke vereeniging twee), dat jaarlijks op een onzijdig terrein een
+wedstrijd doet houden. Er wordt geroeid in vierriemsgieken, bemand door
+de beste roeiers van elke vereeniging. Zoo vond in datzelfde jaar nog
+de eerste race van den bond te Oudshoorn plaats op een baan van 3400 M.
+met een omvaartsboei op de helft der baan.
+
+Bij de boei was Leiden eenige lengten vóór Utrecht, Utrecht evenveel
+vóór Delft, toen er tusschen beide laatsten aanvaring plaats vond,
+zoodat Leiden alléén aan de winboei kwam, en den prijs verkreeg. Deze
+bestaat uit het eerediploma en vijf gouden medailles, waaraan door ~Mr.
+J. Cohen Stuart~, eerelid van _Njord_, jaarlijks een kunstvoorwerp
+ter waarde van 100 gulden onder den naam „_Oprichtersprijs_“ wordt
+toegevoegd.
+
+In 1884 had de wedstrijd wederom te Oudshoorn plaats. Het bestuur
+had nu besloten om er ook races voor seniores in tweeriems- en voor
+juniores in vierriems en tweeriems aan toe te voegen om der wille van
+het publiek. Het nummer „_Oude vier_“ bleef echter het hoofdnummer,
+_de universityrace_. De prijs werd wederom door Leiden behaald, dat
+4 sekonden vóór Utrecht en 36 sekonden vóór Delft den winning-post
+bereikte.
+
+De baan was even lang als het vorige jaar, maar thans zonder draaiboei.
+
+In 1885 werd de strijd op het Noorder-Spaarne bij Haarlem gestreden. Het
+hoofdnummer werd weder op eene rechte baan, die van Spaarndam naar de
+stad liep, geroeid en zag Leiden als overwinnaar uit den strijd komen.
+Leiden legde de baan 18 sekonden sneller af dan Utrecht en 30 sekonden
+sneller dan Delft.
+
+Gedurende de vier laatste jaren bezigden alle drie clubs gieken van
+~Dossunet~.
+
+Ook in 1886 is besloten den wedstrijd ter zelfder plaatse te houden, die
+daarvoor dan ook alle voordeelen aanbiedt.
+
+Hoewel de drie clubs natuurlijk ook op andere wedstrijden meermalen
+hunne krachten hebben gemeten, zullen wij dezen, evenmin als de
+bijnummers op de universiteitswedstrijden, hier opsommen, daar het
+ons slechts te doen is om in 't kort na te gaan de resultaten van de
+nederlandsche „_Varsity_.“
+
+Moge zij weldra evenveel belangstelling in Nederland ondervinden als de
+Oxford-Cambridge race in Engeland geniet; en het lichtblauw van Leiden,
+het rood van Delft, het donkerblauw van Utrecht op het jaarlijksche
+roeifeest de borst sieren van duizenden en duizenden van belangstellende
+toeschouwers! Dat zij zoo!
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+ UITSLAG VAN WEDSTRIJDEN,
+ die in het eerste hoofdstuk zijn besproken.
+
+
+Oxford and Cambridge Eight-Oared Race.
+
+De baan was in 1829 te Henley, in 1836 tot en met 1842 van Westminster
+naar Putney, daarna van Putney naar Mortlake.
+
+ Jaar. Overwinnaar. Tijd. Gewonnen met
+
+ 1829 Oxford 14′ 30″ gemakkelijk.
+ 1836 Cambridge 36′ 1′
+ 1839 Cambridge 31′ 1′ 45″
+ 1840 Cambridge 26′ 30″ ⅔ L.
+ 1841 Cambridge 32′ 30″ 1′ 4″
+ 1842 Oxford 30′ 45″ 13″
+ 1845 Cambridge 23′ 30″ 30″
+ 1846[1] Cambridge 21′ 5″ 2 L.
+ 1848 Cambridge 22′ 3 L.
+ 1849 Oxford — aanvaring.
+ 1852 Oxford 21′ 36″ 27″
+ 1854 Oxford 25′ 29″ 11″
+ 1856 Cambridge 25′ 50″ ½ L.
+ 1857 Oxford 22′ 50″ 35″
+ 1858 Cambridge 21′ 23″ 22″
+ 1859 Oxford 24′ 30″ C. gezonken.
+ 1860 Cambridge 26′ 1 L.
+ 1861 Oxford 23′ 27″ 48″
+ 1862 Oxford 24′ 40″ 30″
+ 1863 Oxford 23′ 5″ 42″
+ 1864 Oxford 21′ 48″ 23″
+ 1865 Oxford 21′ 23″ 13″
+ 1866 Oxford 25′ 48″ 15″
+ 1867 Oxford 22′ 40″ ½ L.
+ 1868 Oxford 21′ 6 L.
+ 1869 Oxford 20′ 20″ 5 L.
+ 1870 Cambridge 22′ 33″ 1 L.
+ 1871 Cambridge 23′ 5″ 1 L.
+ 1872 Cambridge 21′ 16″ 2 L.
+ 1873[2] Cambridge 19′ 35″ 3 L.
+ 1874 Cambridge 22′ 39″ 3 L.
+ 1875 Oxford 22′ 2″ 10 L.
+ 1876 Cambridge 20′ 20″ 8 L.
+ 1877 dead heat 24′ 8″
+ 1878 Oxford 22′ 15″ 10 L.
+ 1879 Cambridge 21′ 18″ 4 L.
+ 1880 Oxford 21′ 23″ 4 L.
+ 1881 Oxford 21′ 51″ 3 L.
+ 1882 Oxford 20′ 12″ ¼ L.
+ 1883 Oxford gemakkelijk 3 L.
+ 1884 Cambridge 21′ 39″ 3 L.
+ 1885 Oxford 21′ 36″ 3 L.
+ 1886 Cambridge 22′ 39″ ½ L.
+
+[1] Voor den eersten keer in outriggers.
+
+[2] Voor den eersten keer met sliding-seats.
+
+
+Henley-on-Thames Royal Regatta
+
+_Diamond Challenge Sculls, for Scullers._
+
+ Jaar. Winner. Tijd.
+
+ 1844 Bumpsted, Seullers's Club, London 10′ 32″
+ 1845 Wallace, Leander 10′ 30″
+ 1846 Moon, Magdalen Coll., Oxford.
+ 1847 Maule, First Trinity, Cambridge 10′ 45″
+ 1848 Bagshawe, Third Trin. Cambridge.
+ 1849 T. R. Bone, London.
+ 1850 T. R. Bone, Meteor C., London.
+ 1851 E. G. Peacock, Thames C., London.
+ 1852 E. Macnaghten, First Trin., Cambridge.
+ 1853 Rippingall, Peterhouse, Cambridge 10′ 2″
+ 1854 H. H. Playford, Wandle C., London.
+ 1855 A. A. Casamajor, Argonauts C., London.
+ 1856 A. A. Casamajor, Argonauts C., London 9′ 27″
+ 1857 A. A. Casamajor, London R. C.
+ 1858 A. A. Casamajor, London R. C.
+ 1859 E. D. Brickwood, Richmond 10′
+ 1860 H. H. Playford, London R. C. 12′ 8″
+ 1861 A. A. Casamajor, London R. C. 10′ 4″
+ 1862 E. D. Brickwood, Richmond 10′ 40″
+ 1863 C. B. Lawes, Third Trin., Cambridge 9′ 43″
+ 1864 W. B. Woodgate, Brasenose Coll., Oxford 10′ 3″
+ 1865 E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford 9′ 11″
+ 1866 E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford 9′ 55″
+ 1867 W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford 10′ 2″
+ 1868 W. Stout, London R. C. 9′ 6″
+ 1869 W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford 9′ 56″
+ 1870 J. B. Close, First Trinity, Cambridge 9′ 43″
+ 1871 W. Fawcus, Tynemouth R. C. 10′ 9″
+ 1872 C. C. Knollys, Magdalen Coll., Oxford 10′ 48″
+ 1873 A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge 9′ 45″
+ 1874 A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge 10′ 50″
+ 1875 A. C. Dicker, Lady Margaret Club 9′ 15″
+ 1876 F. L. Playford, London R. C. 9′ 28″
+ 1877 T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford 10′ 20″
+ 1878 T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford 9′ 37″
+ 1879 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 12′ 13″
+ 1880 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 9′ 10″
+ 1881 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 9′ 28″
+ 1882 J. Lowndes, Jesus Coll., Cambridge 11′ 43″
+ 1883 J. Lowndes, Kingston R. C. 10′ 2″
+ 1884 W. S. Unwin, Magdalen Coll., Oxford 9′ 40″
+ 1885 W. S. Unwin.
+
+
+Wingfield Sculls
+
+_and the Championship of the Thames._
+
+ Baan van 1830–1849 Westminster–Putney,
+ 1849–1861 Putney–Kew,
+ 1861 Putney–Mortlake.
+
+ 1830 J. H. Bayford.
+ 1831 C. Lewis.
+ 1832 A. A. Julius.
+ 1833 C. Lewis.
+ 1834 en 35 A. A. Julius.
+ 1836 H. Wood.
+ 1837 P. Colquhoun.
+ 1838 H. Wood.
+ 1839 H. Chapman.
+ 1840 en 41 T. L. Jenkins.
+ 1842 en 43 H. Chapman.
+ 1844 T. B. Bumpsted.
+ 1845 H. Chapman.
+ 1846 C. Russell.
+ 1847 en 48 J. R. L. Walmisley.
+ 1849 F. Playford.
+ 1850 en 51 T. R. Bone.
+ 1852 E. G. Peacock.
+ 1853 J. Paine.
+ 1854 H. H. Playford.
+ 1855–60 A. A. Casamajor.
+ 1861 E. D. Brikwood 29′
+ 1862 W. B. Woodgate 27′
+ 1863 J. E. Parker 25′
+ 1864 W. B. Woodgate 25′ 35″
+ 1865 E. B. Lawes 27′ 4″
+ 1866 E. B. Michell 27′ 26″
+ 1867 W. B. Woodgate.
+ 1868 W. Stout 26′ 52″
+ 1869 en 70 A. de L. Long.
+ 1871 W. Fawcus 26′ 13″
+ 1872 C. C. Knollys 28′ 30″
+ 1873 en 74 A. C. Dicker 24′ 40″ en 25′ 45″
+ 1875–79 F. L. Playford 24′ 41″
+ 1880 A. Payne 24′ 2″
+ 1881 J. Lowndes 25′ 13″
+ 1882 A. Payne 27′ 40″
+ 1883 J. Lowndes.
+ 1884 en 85 W. S. Unwin 24′ 12″
+
+
+Championnat de France.
+
+ 1853 tot 1856 Frédéric Lowe.
+ 1857 tot 1861 Louis Armet.
+ 1862 Edmond Gamby.
+ 1863 Louis Huot.
+ 1864–1867 Eug. Frébault.
+ 1868, 69, 71 tot 75 Rég. Gesling.
+ 1876 tot 1883 Alex. Lein.
+ 1884 A. d'Hautefeuille.
+ 1885 Louis Bidauld.
+
+
+Match annuel
+
+_entre le Rowing-Club et la Société Nautique de la Marne_.
+
+ gewonnen met
+ 1880 Rowing Club 41″
+ 1881 Rowing Club 45″
+ 1882 S. N. de la Marne 37″
+ 1883 S. N. de la Marne 20″
+ 1884 Rowing Club 44″
+ 1885 Rowing Club 5 L.
+
+
+Meisterschaft von Deutschland.
+
+ 1882 Achilles Wild, Frankfurter R. G. „Germania“
+ 1883 J. Bungert, Mannheimer R. C.
+ 1884 Achilles Wild, Frankfurter R. G. „Germania“
+ 1885 Achilles Wild, Frankfurter R. G. „Germania“
+
+
+Championnat de Belgique.
+
+ 1874 Alfr. Vidrequin, Bruxelles.
+ 1875 Aug. Bartholomé, „
+ 1876 Hector Donies, „
+ 1877 Hector Donies, „
+ 1878 Hector Donies, „
+ 1879 Hector Donies, „
+ 1880 Josef Polak, „
+ 1881 H. Werlemann, „
+ 1882 Joseph Polak, „
+ 1883 M. Chaudoir, Liège.
+ 1884 Trasenster, „
+ 1885 M. Chaudoir, „
+
+
+NEDERLAND.
+
+
+Universiteitswedstrijd.
+
+ Jaar. Overwinnaar. Plaats. Gewonnen met:
+
+ 1878 Delft, op den Rijn bij Leiden gew. m. ?
+ 1880 Delft, op den Rijn bij Leiden „ „ 10″
+ 1881 Delft, op de Schie bij Delft „ „ 12″
+ 1882 Leiden, op den Rijn bij Leiden „ „ 35″ vóór Delft,
+ 53″ vóór Utrecht.
+ 1883 Leiden, Oudshoorn, aanvaring van Delft en Utrecht.
+ 1884 Leiden, Oudshoorn gew. m. 4″ vóór Utrecht,
+ 36″ vóór Delft.
+ 1885 Leiden, Haarlem „ „ 18″ vóór Utrecht,
+ 30″ vóór Delft.
+
+
+Kampioenschap van Nederland.
+
+
+_Matches of Professionals for the Championship._
+
+P. M. = Putney–Mortlake.
+
+De tusschen haakjes geplaatste naam is die van den overwonnene.
+
+ 1831 (9 Sept.) C. Campbell (C. Williams).
+ 1846 (19 Aug.) R. Coombes (C. Campbell) P. M. 26′ 15″
+ 1852 (24 Mei) T. Cole (R. Coombes) P. M. 26′ 15″
+ 1854 (20 Nov.) J. Messenger (T. Cole) P. M. 24′ 25″
+ 1857 (12 Mei) H. Kelley (J. Messenger) P. M. 24′ 30″
+ 1859 (25 Sept.) R. Chambers (H. Kelley) P. M. 25′ 25″
+ 1865 (8 Aug.) H. Kelley (R. Chambers) P. M. 23′ 26″
+ 1866 (22 Nov.) R. Chambers (J. Sadler) P. M. 25′ 4″
+ 1867 (6 Mei) H. Kelley (R. Chambers) op de Tyne 31′ 47″
+ 1868 (17 Nov.) J. Renforth (H. Kelley) P. M. 23′ 15″
+ 1874 (17 April) J. H. Sadler (E. Bagnall) P. M. 24′ 15″
+ 1875 (15 Nov.) J. H. Sadler (R. W. Boyd) P. M. 28′ 5″
+ 1876 (27 Juni) E. Trickett (J. H. Sadler) P. M. 24′ 45″
+ 1877 (19 Maart) R. W. Boyd (W. Nicholsen)
+ op de Tyne 25′ 40″
+ 1877 (28 Mei) R. W. Boyd (J. Higgins) P. M. 28′ 24″
+ 1877 (8 Oct.) J. Higgins (R. W. Boyd) P. M. 24′ 10″
+ 1878 (14 Jan.) J. Higgins (R. W. Boyd) op de Tyne foul.
+ 1878 (3 Juni) J. Higgins (W. Elliott) P. M. 24′ 38″
+ 1878 (17 Sept.) W. Elliot (R. W. Boyd) P. M. foul.
+ 1879 (17 Febr.) W. Elliot (J. Higgins) op de Tyne 22′ 1″
+ 1879 (16 Juni) E. Hanlan (W. Elliot) op de Tyne 21′ 21″
+ 1880 (15 Nov.) E. Hanlan (E. Trickett) P. M. 26′ 12″
+ 1881 (14 Febr.) E. Hanlan (E. C. Laycock) P. M. 25′ 41″
+ 1882 (3 April) E. Hanlan (R. W. Boyd) op de Tyne 21′ 25″
+ 1882 (1 Mei) E. Hanlan (E. Trickett) P. M. 28′
+ 1883 (31 Mei) E. Hanlan (J. L. Kennedy)
+ Point of Pines Canada m. 15 L.
+ 1883 (18 Juli) E. Hanlan (W. Ross)
+ Lawrence River U. S. m. 20 L.
+ 1884 (22 Mei) E. Hanlan (E. C. Laycock)
+ Melbourne Nep. m. ½ L. in 22′ 45″
+ 1884 (16 Aug.) W. Beach (E. Hanlan) Paramatta m. 6 L. in 20′ 29″
+ 1885 (7 Febr.) E. Hanlan (Clifford) Paramatta m. 7 L.
+ 1885 (28 Maart) W. Beach (E. Hanlan) Paramatta m. 10 L. in 22′ 51″
+ 1885 (24 Oct.) J. Teemer (E. Hanlan) Hudson Riv. 22′ 11″
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+TWEEDE HOOFDSTUK.
+
+DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN.
+
+
+§ 1. _De Boot._
+
+De booten worden in twee hoofdgroepen verdeeld: _outrigged-_ en
+_inriggedbooten_.
+
+Bij ons te lande wordt bijna uitsluitend de laatste soort gebezigd, om
+welke reden wij daaraan het meest onze aandacht zullen wijden.
+
+Daar echter de veranderingen en verbeteringen aan de _outriggedbooten_
+ook op die der tweede soort grooten invloed hebben uitgeoefend, zullen
+wij vooraf eene korte beschrijving van _outriggedbooten_ geven. De
+snelheid eener boot is afhankelijk van twee hoofdfactoren, n.l. hare
+breedte en de lengte van den hefboom des riems. De uitvinding van den
+outrigger nu is de eenvoudige oplossing van het probleem: de lengte van
+den hefboom onafhankelijk te maken van de breedte der boot, m. a. w.
+de boot smaller te kunnen maken, zonder dat het daarbij noodig is den
+hefboom te verkorten. ~H. Clasper~ van New-Castle on Tyne heeft in 1841
+deze vraag opgelost door de dollen, in plaats van op het boord, buiten
+de boot op een uitstekend ijzeren toestel aan te brengen.
+
+Naar dit toestel nu, dat den naam _outrigger_ draagt, worden ook de
+booten, die er mede voorzien zijn, _outriggers_ genoemd.
+
+Zij hebben in Amerika en Engeland de oudere bootsoorten op wedstrijden
+geheel verdrongen, zijn in Duitschland reeds overal ingevoerd en
+beginnen ook in Frankrijk en België het burgerrecht te verkrijgen.
+In Nederland is tot nog toe de _single-sculling_ de eenige
+vertegenwoordiger van de _outriggers_ op wedstrijden.
+
+Daar _outriggers_, die voor wedstrijden gebruikt worden, gewoonlijk niet
+meer dan een paar centimeter boven het water uitsteken, zijn zij met taf
+overdekt, uitgezonderd het gedeelte waarin de roeiers zitten. Dit wordt
+door eene kleine verhooging der boorden, het _waschboord_ genaamd, tegen
+het binnenslaan der golven beveiligd.
+
+Bij _inrigged-_ of _rowlockboats_ (_yole-gigs_, _Dollenboote_), bij ons
+kortweg _gieken_ geheeten, zijn de dollen niet op outriggers, maar op de
+boorden aangebracht.
+
+De _giek_ is breeder en hooger dan de _outriggers_; breeder, omdat geen
+outrigger hierin de lengte van den hefboom onafhankelijk maakt van de
+breedte der boot; hooger, omdat zij niet overdekt zijn. Doordat echter
+de roeiers niet in het midden der boot, maar tegen de boorden zitten,
+kan hierdoor de hefboom weer langer zijn.
+
+Hoewel, zooals reeds gezegd is, in vele landen op wedstrijden door
+den _outrigger_ verdrongen, zal toch ook daar de _giek_ steeds
+moeten blijven bestaan voor het oefenen van beginners; want om in een
+_outrigger_ te kunnen gaan roeien moet men het tot zekere hoogte in de
+kunst gebracht hebben. Bij ons wordt de _giek_ nog altijd op wedstrijden
+gebruikt, doch voorzien van allerlei veranderingen en verbeteringen, die
+in Engeland in verloop van tijd aan de _outriggers_ werden aangebracht.
+Zoo ziet een _racegiek_ (_yole-gig de course_, _Dollenrennboot_), die
+men tegenwoordig van fransche of duitsche bootbouwers ontvangt, er
+geheel anders uit dan eene echte, oude engelsche _inriggedracingboat_;
+de sliding-seat is er in aangebracht, de oude houten dollen zijn door
+_swiveling-rowlocks_ vervangen, en deze staan niet meer op het boord,
+doch op een naar buiten stekend, op het boord aangebracht stuk hout,
+zoodat het eigenlijk geen _inriggers_ meer zijn. En nog worden
+er jaarlijks nieuwe veranderingen in aangebracht en worden onze
+vereenigingen daardoor jaar op jaar gedwongen zich nieuwe booten aan te
+schaffen, zoo zij ten minste op wedstrijden niet door haar materiaal
+aan de tegenpartij een voordeel willen verschaffen; en de bootbouwers
+wrijven zich de handen van plezier en worden steeds scherpzinniger in
+het uitvinden van „_innovations_“; want elke nieuwigheid heeft nieuwe
+bestellingen tengevolge.
+
+Hiertegenover staat, dat wij, de _outriggers_ op onze wedstrijden
+invoerende, onze vereenigingen vele kosten zouden besparen, daar het
+model van een _outrigger_ niet telkens verandert.
+
+Maar het grootste voordeel zou zijn, dat wij ook met de Engelschen, tot
+dusver de eersten onder de amateurs, onze krachten zouden kunnen meten,
+terwijl wij nu met onze _gieken_ op het vasteland kunnen blijven.
+
+Waarom niet flink en doortastend terstond de _outriggers_ ingevoerd in
+plaats van krampachtig aan onze _inriggers_ vast te houden, die toch
+eigenlijk geen _inriggers_ meer zijn?
+
+Wij stellen met onze hybridische _gieken_ nog ééns de uitvinding van den
+_outrigger_ voor.
+
+Immers men verhaalt, dat ook de eerste _outrigger_ slechts een houten
+toestel was om de dollen naar buiten te brengen, en dat ~Clasper~ hierop
+het denkbeeld heeft opgevat om dit toestel te verlengen en uit ijzeren
+stangen te vervaardigen. En dat was in 1841!
+
+Ook bij onze naburen, de Belgen, is de _outrigger_ zeer koel ontvangen
+en slechts op enkele „_courses pour embarcations de construction libre_“
+verschenen. Toch vindt hij daar ijverige verdedigers, getuige het
+jaarverslag over 1885 van de _Cercle des Régates_ te Brussel, waarin men
+leest: „Depuis longtemps les sociétés des pays voisins nous ont devancés
+dans cette voie, et il est réellement fâcheux qu'en Belgique certains
+cercles persistent dans leurs anciens errements.“
+
+Zoowel _outriggers_ als _inriggers_ ontvangen naar het aantal roeiers,
+waarvoor zij bestemd zijn, hun naam. Zoo heet eene boot voor 8, 6, 4
+of 2 roeiers een _achtriems_ (_eight-oar_, _gig à huit rameurs_,
+_Achtriemer_), _zesriems_, _vierriems_ of _tweeriems_ (_pair-oar_).
+
+Wanneer de roeier slechts één riem hanteert, zoo heet deze _oar_
+(_aviron de pointe_); roeit hij echter met twee riemen, dan worden deze
+_sculls_ (_avirons de couple_) genoemd, de roeier is dan een _sculler_
+en de boot een _scullingboat_.
+
+Een boot, die slechts voor één roeier bestemd is, heet daarom
+_single-scullingboat_.
+
+Ook komen wel booten voor, die voor meerdere scullers zijn ingericht.
+
+Booten, die door meerdere roeiers worden voortbewogen, hebben gewoonlijk
+een stuurman.
+
+In Amerika en Engeland worden echter _vierriemsoutriggers_ meestal—en
+_tweeriemsoutriggers_ (_pairoars_) altijd door een der roeiers gestuurd.
+
+De tegenwoordige _single sculling outrigger_, waarin alom om het
+„_championship_“ geroeid wordt, draagt in België en Frankrijk algemeen
+den naam van _skiff_, waaronder vroeger een geheel ander vaartuig werd
+verstaan. Toen was het een korte, zware en wijde boot, die eenigszins
+het model van eene _wherry_ had.
+
+De _wherry_ was vóór twintig jaren de meest voorkomende boot op de
+Thames. Zij gelijkt op een _giek_, maar is zwaarder en korter, terwijl
+de boorden, in plaats van over de geheele lengte dezelfde hoogte te
+hebben, op de plaatsen, waar de dollen zijn aangebracht, oploopen. Zij
+is meestal overnaadsch en dient voor het maken van tochten, zoodat zij
+dikwijls ook voor zeilen is ingericht.
+
+
+§ 2. _Onderdeelen der Boot._
+
+Wanneer men zich in eene boot gezeten denkt met het gelaat naar den
+voorsteven, evenals de stuurman, dan heet de linkerzijde _bakboord_
+(_port_ of _larboard_, _babord_, _Backbord_)—de rechterzijde
+_stuurboord_ (_starboard_, _tribord_, _Steuerbord_).
+
+Het voorste gedeelte tot aan den eersten roeier wordt de _boeg_ (_bow_,
+_Bug_)—het achterste tot aan den stuurman de _achtersteven_ (_stern_)
+genoemd; het overige heet _midships_.
+
+Tot de onderdeelen overgaande hebben wij vooreerst: de _kiel_ (_the
+keel_), die bij zware booten aan den binnen- en buitenkant—doch bij
+racebooten alleen aan den binnenkant zichtbaar is. Zij vormt geen rechte
+lijn, maar is aan de beide uiteinden eenigszins opwaarts gebogen en is
+dus als 't ware de ruggegraat der boot.
+
+Aan beide zijden van de kiel zijn de _ribben_ (_the ribs_, _timbers_ of
+_lands_, _die Rippen_) bevestigd. Het is van groot belang, dat de ribben
+stevig met de kiel verbonden zijn, daar zij het beloop der zijwanden
+aangeven.
+
+De _waterlijn_ is de streep, die het water op de zijden der boot
+afteekent, wanneer deze bemand op het water ligt. Daar elke boot ééne
+bepaalde ligging op het water heeft, waarbij zij het snelst loopen kan,
+is het groot geheim der kunst juist in het vaststellen dier lijn
+gelegen.
+
+Het lichaam zelf der boot bestaat uit lange, smalle, over elkander
+sluitende planken, die tegen de ribben genageld zijn. Zulke booten
+heeten _overnaadsche-_ of _klinkerbooten_.
+
+Bij _lichte_ of _gladde booten_, die op wedstrijden gebruikt worden, is
+het lichaam uit lange, breede en zeer dunne bladen hout samengesteld.
+Deze zijn door stoom gebogen en sluiten zóó dicht tegen elkander, dat
+het geheele uitwendige eene gladde oppervlakte vertoont.
+
+Deze laatste soort wordt gewoonlijk van amerikaansch cederhout
+vervaardigd, terwijl de overnaadsche booten meestal van eiken- of
+mahoniehout zijn gemaakt en voor oefen- of pleiziervaartuigen dienen.
+
+Racebooten worden tegenwoordig zóó gemaakt, dat zij in twee of drie
+stukken kunnen worden uit elkander genomen, hetgeen vooral voor het
+vervoer zeer gemakkelijk is en vele kosten bespaart. De Franschen noemen
+zulk eene boot _démontable_, de Duitschers _zusammenlegbar_.
+
+In Amerika worden racebooten in de laatste jaren ook van papier
+vervaardigd; zij moeten ten opzichte van lichtheid, gemakkelijke
+reparatie, groote hechtheid, enz. vele voordeelen aanbieden. Door lang
+in het water te liggen zal de papieren substantie, al is deze ook nog
+zoo hard gemaakt, naar onze meening, echter noodzakelijk water inzuigen.
+In Europa zijn zij nog slechts weinig in gebruik om de eenvoudige reden,
+dat de Amerikanen de bewerking geheim houden. Al heeft men er dus de
+hooge transportkosten voor over om hier zulk eene boot te bezitten, zoo
+moet men haar toch bij elke averij in Amerika laten herstellen.
+
+_Boeg_ (_stem_, _Bug_) heet het voorste gedeelte der boot, dat het water
+doorsnijdt, terwijl het achterstuk, waaraan het roer bevestigd wordt,
+_achtersteven_ (_stern_ of _afterpart_, _Hintersteven_)—en bij booten,
+waarbij dit deel niet scherp uitloopt, maar een klein plat vlak vormt,
+_hek_ (_transom_, _Heck_) wordt genoemd.
+
+De _loopplanken_ liggen altijd los op den bodem der boot om er bij het
+schoonmaken te kunnen worden uitgenomen.
+
+De _spoorplank_ of het _voetbord_ (_stretcher_, _la barre de pied_,
+_Stemmbrett_), waartegen men bij het roeien de voeten plaatst, kan
+naar gelang van de lengte der beenen verplaatst worden. Hierop is de
+_voetriem_ bevestigd, die de voeten van den roeier omsloten houdt en
+deze daardoor in de voor- en achterwaartsche bewegingen ondersteunt.
+Het is noodzakelijk voor de regelmatigheid dezer bewegingen, dat beide
+voeten in voetriemen steken, daar de roeier, zoo slechts één der voeten
+door een riem is omvat, na het einde van den slag alle kracht bij het
+naar voren komen op die zijde van het lichaam overbrengt.
+
+_Dollen_ (_rowlocks_, _dames_, _Dullen_) zijn de houten of metalen
+pennen, waartusschen de riem bij het roeien ligt. Zij zijn bij
+_inriggers_ op de boorden—bij _outriggers_ op de _outriggers_
+aangebracht. De een, waartegen de riem bij het trekken drukt, heet de
+_trekdol_ (_thowl_, _dame d'arrêt_, _Ruderpflock_), de ander, die bij
+het strijken dienst doet, de _strijkdol_ (_stopper_ of _after-thowl_,
+_dame de retour_, _Streichpflock_).
+
+Het houtje, dat tusschen de beide dollen ligt en waarop de riem rust,
+heet het _scheerhout_ of _vulhout_ (_filling_, _Dullenlager_ of
+_Fütterung_).
+
+Sedert eenige jaren is men in Amerika op de gedachte gekomen om
+beweegbare dollen op scullingbooten te plaatsen.
+
+[Illustratie: Fig. 1.]
+
+Het is eene uitvinding, die op het invoeren der sliding-seat
+noodzakelijk volgen moest. Terwijl immers hierdoor de roeier werd in
+staat gesteld om de sculls veel verder naar voren en achteren te brengen
+dan op vaste banken, moesten ook de dollen verder van elkander worden
+geplaatst. Dit nu was nadeelig, 1e door de grootere speelruimte,
+welke de scull daardoor tusschen de dollen kreeg, en door de daaruit
+voortvloeiende onvastheid, en 2e door de grootere wrijving.
+
+Deze beide bezwaren nu worden door de _draaidollen_ (_swivel rowlocks_)
+opgeheven, daar de roeier hierbij zóóver met zijne sculls reiken kan,
+als hij zelf maar wil.
+
+Van deze draaidollen bestaan tegenwoordig alweer tallooze soorten. Ook
+de fransche bootbouwers brengen ze op inriggers aan. Voor een der beste
+soorten geldt de „_Davis swivel rowlock_“, waarvan ook ~Hanlan~ zich
+steeds bediend heeft. (zie fig. 1).
+
+De _riem_ (_oar_ of _scull_, _aviron_ of _rame_, _Ruder_ of _Riem_)
+bestaat uit vier deelen: het _handvat_ (_handle_, _le manche_, _la
+poignée_, _Griffe_), het _binneneind_ (_loom_, _Innenhebel_), het
+_buiteneind_ (_shank_ of _small_, _Aussenhebel_) en het _blad_ (_blade_,
+_pelle_, _Blatt_).
+
+Op de plaats, waar de riem in de dollen rust, is hij over eene lengte
+van 15 cM. met leder bekleed om de wrijving te verminderen; en hierop is
+het _stootleêr_ (_stop_, _Pflock_ of _Knopf_) aangebracht, dat het
+uitglijden uit de dollen verhindert.
+
+Dit stootleer werd gewoonlijk met drie lange draadnagels aan den riem
+vastgemaakt, waardoor deze op die plaats zeer verzwakt werd. In de
+meeste gevallen, dat riemen werden stukgetrokken, geschiedde dat op die
+plaats. Nu heeft een Engelschman ~Young~ in 1885 een middel uitgevonden
+om het stootleer zonder spijkers aan den riem te bevestigen, en op zijne
+uitvinding patent aangevraagd. De door roeiers uit Londen, Oxford en
+Cambridge genomene proeven hebben uitstekend voldaan.
+
+Ook in de riemen heeft de Amerikaan ~Davis~ in den laatsten tijd eene
+verbetering aangebracht. De as der bladen van de door hem vervaardigde
+riemen valt niet in het verlengde van den steel, maar vormt hiermede een
+hoek, zoodat bij het roeien de bovenkant van het blad evenwijdig is aan
+de wateroppervlakte, hoewel de steel van den riem met het watervlak
+natuurlijk een stompen hoek maakt.
+
+Onderstaande figuur geeft een scull te zien, zooals die onder den trek
+in het water staat.
+
+[Illustratie: Fig. 2.]
+
+De proeven, die de berlijnsche bootbouwer ~Rettig~ in 1885 met holle
+riemen heeft genomen, zijn niet bevredigend uitgevallen.
+
+Het _roer_ (_the rudder_, _la barre_, _das Steuer_), dat met de roerpen
+aan den achtersteven wordt verbonden, bestaat uit het blad, en het juk,
+aan welks uiteinden de _stuurlijnen_ (_yokelines_, _fils_,
+_Steuerleinen_) verbonden zijn.
+
+De _vanglijn_ (_painter_ of soms _headfast_) is het touw, waarmede de
+boot wordt vastgelegd.
+
+De zitplaatsen blijven ons nog ter bespreking over.
+
+De zitplaats van den stuurman, stuurbank genoemd, wordt tegenwoordig
+aldus in de boot aangebracht, dat men dien naar gelang van het gewicht
+van den stuurman kan verplaatsen.
+
+De _roeibanken_ (_thwarts_, _bancs de nage_, _Ruderbänke_) staan dwars
+op de boot en zijn door middel van kniehoutjes aan de boorden bevestigd.
+
+Gewoonlijk zit de roeier op een aan den bank vastgebonden matje of
+kussen om het afglijden en dóórroeien tegen te gaan. Op wedstrijden
+echter lieten de roeiers die kussens weg en gleden op hunne banken
+heen en weder om den slag langer te kunnen maken; om deze beweging
+te vergemakkelijken werd de zitplaats wel met zeep of vet bestreken,
+waarover de roeier dan met eene met leder bekleede broek heen en weer
+schoof.
+
+Bij het scullen was deze methode ongetwijfeld voordeelig; doch bij het
+roeien, waarbij 6 à 10 slagen per minuut méér worden gemaakt, woog het
+voordeel van den langeren slag niet op tegen de buitengewone inspanning
+der beenen.
+
+Zoo was de beroemde ploeg van Renforth gewoon op vaste banken te
+glijden, wanneer zij op een korten afstand alle krachten aanwendden
+(_to make a spurt_, _faire un enlevage_), doch op lange afstanden konden
+zij zulks niet volhouden. Ook de vierriemsploeg „~John-o' Gaunt~“ van
+Lancaster, die in 1870 aan de Henley deelnam, gleed over vaste banken,
+en verkreeg op eene korte baan eene groote snelheid; maar de beenen
+werden te zeer ingespannen, dan dat zij het lang vermochten vol te
+houden.
+
+Zonderling, dat roeiers, die toch inzagen, dat het gebrekkige in dit
+glijden voortkwam uit de wrijving van het lichaam op den bank, niet op
+de gedachte kwamen de beweging te vereenvoudigen door den bank tegelijk
+met het lichaam te laten glijden. Aan een Amerikaan is de theoretische
+toepassing van dit principe te danken. Maar de amerikaansche roeiers,
+hoewel schrander genoeg om in te zien dat, zoo het lichaam over den
+bank moest glijden, deze beweging gemakkelijker werd door op een
+afzonderlijk bankje over den eigenlijken bank heen en weer te gaan,
+stelden deze uitvinding niet genoeg op prijs; hetgeen wel hieraan wordt
+toegeschreven, dat de Amerikanen in dien tijd bij het roeien bijna allen
+hunne armen en schouders gebruiken, zonder aan het gebruik der been- en
+lendespieren gewicht te hechten.
+
+Een ploeg uit het noorden van Engeland, die destijds in Amerika
+vertoefde en daar de oplossing van het probleem zag, bracht het
+bij haar terugkomst in praktijk; en het groote nut der _glijbanken_
+(_sliding-seats_, _bancs à coulisse_, _Gleitsitze_) bleek op den
+wedstrijd voor vierriemsgieken in Nov. 1871 op de Tyne. ~J. Taylor~
+namelijk had zijne ploeg overgehaald tot het beproeven der nieuwe
+methode en dit tot den dag van den wedstrijd zorgvuldig geheim gehouden.
+Het resultaat was verrassend, want de tegenpartij, de ploeg van
+~Chambers~, werd met gemak verslagen.
+
+Twee wedstrijden in sculling, in de daaropvolgende lente op de Thames
+gehouden, deden het voordeel der glijbanken nog meer uitkomen.
+
+Zonderling is het verder, dat de Amerikanen, de eigenlijke uitvinders
+der glijbanken, nalieten er zich van te bedienen, en, terwijl zij
+zelven in hunne methode van roeien de beenen niet gebruikten, aan hunne
+mededingers, de Engelschen, door hunne uitvinding de beste wijze aan de
+hand gaven om het meeste voordeel van de beenspieren te trekken.
+
+Bekend is de overwinning van de _London Rowing-club_ op de _Club
+Atalanta_ van New-York, waarbij eerstgenoemde de glijbanken gebruikte.
+Hoewel toen de Engelschen, zoowel door meerdere physieke kracht als door
+hun beteren stijl, ook zonder dat voordeel de overwinning zouden hebben
+behaald, zoo was toch de _sliding-seat_ in de engelsche boot voor een
+groot gedeelte de oorzaak van de smadelijke nederlaag der Amerikanen.
+Maar juist de overtuiging, dat de Engelschen toch verreweg de baas
+waren, hield de oppositie tegen de nieuwigheid bij de roeiers van het
+oude stelsel nog levendig. Want de schoone stijl (zoo redeneerden zij)
+gaat er door verloren, al moge men dan ook iets in snelheid winnen.
+
+Mettertijd echter ging men inzien, dat de schoone stijl zeer goed te
+vereenigen was met het roeien op _sliding-seats_, en dat, al valt het
+niet te ontkennen dat voorbeelden van goeden stijl minder talrijk zijn
+dan in den tijd van de vaste banken, deze toch langzamerhand terugkeert.
+
+En naarmate men het juiste gebruik der _sliding-seat_ beter zal leeren
+kennen, zullen alle roeiliefhebbers zich niet over het bederf van den
+stijl hebben te beklagen, doch zich verheugen over eene uitvinding, die
+alle lichaamsdeelen tot hun recht laat komen en het roeien tot een der
+volledigste lichaamsoefeningen maakt.
+
+In den laatsten tijd tracht men ook in de _sliding-seat_ weer
+verbeteringen te brengen door de banken over wieltjes te laten
+rollen. Daar men het over de zaak nog niet eens is, verwijzen wij
+belangstellenden naar de no. 24 en 25 van de _Wassersport_ van 1885,
+waarin de kwestie door ~Dr. Schiller~ in met teekeningen opgeluisterde
+opstellen wetenschappelijk behandeld wordt; en naar no. 42, waar zij
+door ~R. Rochow~ meer uit een praktisch oogpunt wordt besproken.
+
+Nog van eene andere uitvinding der Amerikanen moeten wij melding maken,
+n.l. het _windzeil_ voor scullers. Ieder sculler weet bij ondervinding,
+hoe lastig het is om bij zijwind koers te houden, daar de boot steeds
+neiging heeft met den boeg tegen den wind in te loopen; hierdoor is men
+dan genoodzaakt met den arm aan de windzijde bijna alléén te roeien,
+zoodat deze daardoor bovenmatig ingespannen en vroegtijdig vermoeid
+wordt.
+
+Verschillende middelen werden daartegen reeds beproefd, o. a. heeft men
+een gewicht van een kilo aan het achtereind der boot gehangen, onder aan
+de kiel een zwaard aangebracht: alles tevergeefs.
+
+Door het eerste middel namelijk lag de boot van achteren te diep en stak
+met den boeg in de lucht, door het tweede werd het draaien zoo goed als
+onmogelijk.
+
+Eerst het _windzeil_ heeft de kwaal geheel verholpen. Het bestaat uit
+een dun blad hout, dat loodrecht op den boeg wordt geplaatst en aan
+elken zijwind is blootgesteld. De wind draait dan, door den druk op het
+zeil, den boeg zoover van zich af als de neiging der boot is om in den
+wind op te loopen, zoodat de boot haren rechten koers behoudt en de
+roeier beide armen gelijkelijk kan gebruiken, hetzij hij bij windstilte
+of bij sterken zijwind vaart.
+
+De beide volgende afbeeldingen van verschillend gevormde windzeilen,
+ontleend aan de „_Spirit of the Times_,“ zijn geplaatst op booten van de
+_New-York Athletic-Club_.
+
+[Illustratie: Fig. 3.]
+
+[Illustratie: Fig. 4.]
+
+ * * * * *
+
+Na alzoo de boot en hare onderdeelen te hebben besproken, rest ons nog
+het een en ander over de vervaardigers ervan te zeggen.
+
+Om dan met ons land te beginnen, kunnen wij de ~Gebr. van Heemstede Obelt~
+te Amsterdam noemen, die vooral in de laatste jaren in het bouwen van
+racegieken zijn vooruitgegaan, getuige de overwinningen der R. V.
+_Fortuna_ in gieken van die firma behaald.
+
+Hunne booten zijn gewoonlijk zwaarder dan de fransche en engelsche, en
+dit is zeker de reden, waarom de nederlandsche roeivereenigingen hunne
+gieken meestal uit den vreemde laten komen.
+
+In het vorige jaar hebben zich ook te Rotterdam ~Deichmann~ en ~Ritchie~,
+die vroeger bij ~Rettig~ te Berlijn werkzaam waren, nedergezet en zich
+reeds een goeden naam verworven met booten voor berlijnsche clubs en
+voor de _Deutsche Turn- und Ruder-Verein_ te Rotterdam.
+
+De duitsche fabriekanten zijn ons onbekend, hoewel er in de laatste
+jaren aldaar velen zijn verrezen.
+
+Wij laten onze inriggers voor verreweg het grootste gedeelte uit
+Frankrijk komen, hetzij van ~Louis Dossunet~ te Joinville-le-Pont
+(à l'Ecluse) Seine of van ~Tellier~, Quai de la Rapée, Paris.
+
+Bij ~Dossunet~ schijnt men zich wel het best te bevinden, daar alle
+nederlandsche ploegen, die de laatste jaren in België, waar men algemeen
+aan booten van ~Tellier~ de voorkeur geeft, overwinningen hebben behaald,
+deze lauweren in booten uit ~Dossunet~'s werkplaats hebben weggedragen.
+Ook zijn zijne booten veel billijker in prijs. De Stud. R. V. _Njord_
+toch ontving in 1883 van hem een tweeriemsracegiek van 700 francs en in
+het volgend jaar een dito van ~Tellier~ voor 900 francs.
+
+Inriggers uit Engeland te laten komen is niet aan te raden, daar men
+zich daar niet meer bedient van de bootsoort, die bij ons op wedstrijden
+gebruikt wordt. Zoo hebben wij van ~Clasper~ te Oxford in 1881 een
+vierriems- en in 1882 een zesriemsracegiek (beide inrigged) gezien, die
+zóó slap waren, dat men bij het uit- en indragen bang was, dat ze inéén
+zouden zakken.
+
+Voor losse riemen zijn ~E. Ayling~, oar and scullmaker, Vauxhall, London
+S. E., alsmede ~Norris~, York, Wandsworth aan te bevelen, die zonder
+prijsverhooging bij ~Deichmann~ en ~Ritchie~ te verkrijgen zijn.
+
+Voor outriggers, die door de genoemde fransche firmas trouwens ook
+vervaardigd worden, worden gewoonlijk genomen ~J. H. Clasper~ in Oxford;
+~Searle & Sons~, London, ~S. E. Stangate~, Lambeth; en ~R. Simmons & Sons~
+in Putney. Bij ~Messum & Sons~ te Richmond bevonden wij ons vroeger zeer
+goed wat betreft booten met vaste banken.
+
+ * * * * *
+
+De duurzaamheid eener boot hangt grootendeels af van de wijze van
+behandeling, vooral lichte racebooten kunnen door vele geforceerde
+wendingen in korten tijd worden tegronde gericht.
+
+Allereerst is het noodig, dat zij in een goed gesloten _giekenloods_
+(_boathouse_, _garage_, _Boothaus_) tegen weer en wind beschut zijn.
+Verder moeten zij aldus gelegd worden, dat zij door slechte ligging niet
+haren vorm kunnen verliezen. Zoo moet men eene boot nooit op de beide
+uiteinden laten rusten, daar zij dan in 't midden zal uitzakken, doch
+liefst op 3 of 4 dwarsbalken of bokken leggen, zóódat zij op alle
+gelijkelijk steunt.
+
+Gedekte booten worden liefst in zeilen opgehangen.
+
+Een boot moet steeds goed gevernist zijn om het hout tegen slechte
+invloeden van weer en temperatuur te beschutten. Ook is het goed lichte
+booten van tijd tot tijd met vet in te wrijven, daar dit zoowel het
+vernis spaart als het hout tegen scheuren beschut, die door invloeden
+van water en hitte kunnen ontstaan.
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+DERDE HOOFDSTUK.
+
+HET ROEIEN.
+
+
+§ 1. _Algemeene opmerkingen._
+
+Geen lichaamsbeweging is er bijna, die zoozeer aanspraak kan maken op
+de goede eigenschap van 't aangename aan 't nuttige te verbinden, als
+'t roeien. Wat is heerlijker dan op een schoonen zomeravond over den
+gladden waterspiegel heen te glijden, en na een snikheeten Julidag te
+luisteren naar het geplas der riemen in het frissche water? Wat is
+gezelliger dan een roeitochtje, waarbij men onder eene frissche, gezonde
+beweging nieuwe streken doortrekt, vreemde dorpen en steden bezoekt?
+
+Groot is daarom 't aantal van hen, die in eene boot hebben plaats
+genomen om dat genoegen te smaken, en die op dien grond beweren te
+kunnen roeien. Hoe weinigen zijn er echter onder hen, die beseffen hoe
+ingewikkeld en moeilijk deze lichaamsbeweging is, wanneer men er zich op
+toelegt om haar correct uit te voeren, wanneer men haar als een sport
+beschouwt!
+
+Het is waar, 't is het lot van de meeste lichaamsbewegingen om aldus
+behandeld te worden. De overgroote meerderheid stelt zich al heel
+spoedig tevreden, en getroost zich de moeite niet om haar in den grond
+te leeren. Maar het sterkst doet zich dit voor bij 't roeien.
+
+Wil men leeren paardrijden, men neemt dan ten minste toch eenige lessen;
+gaat men leeren schaatsenrijden, de moeielijkheden doen zich dan vaak in
+'t begin pijnlijk gevoelen; zoo is 't ook met 't schermen, 't zwemmen en
+zoo vele andere lichaamsoefeningen.
+
+Maar met 't roeien? Wel, men gaat met een vriend, die evenmin ooit
+een riem in zijne handen heeft gehad, in eene tweeriemsboot zitten; de
+eerste slagen gaan dan wel minder goed, maar spoedig toch begint het er
+wat meer naar te gelijken, de riemen komen wat meer gelijk in 't water,
+en heeft men bovendien leeren scheren, dan kan men roeien. Zoo is men in
+twee middagen een roeier.
+
+Wij behoeven zeker niet te zeggen, hoe dwaas het is dit te meenen; maar
+toch met hoeveel menschen gaat het niet op deze wijze!
+
+Het roeien is schijnbaar een zeer gemakkelijke beweging, omdat het zoo
+weinig moeite kost een vaartuig over 't water te doen glijden; maar
+tracht men met een minimum inspanning de grootst mogelijke snelheid te
+verkrijgen, dan eerst wordt het een sport, en wel een edele sport, omdat
+het een zeer groot aantal spieren in beweging brengt, en het lichaam
+harmonisch ontwikkelt. Het aanleeren van dezen sport, aldus beschouwd,
+kost veel moeite en eenigen tijd; en het is vooral zaak al dadelijk
+onder leiding te komen en niet te trachten het zich zelf te leeren, want
+allicht neemt men fouten aan, die later moeilijk afgeleerd worden.
+
+Een goede stijl wordt genoemd die methode van roeien, die de grootste
+resultaten voortbrengt, d. w. z. die met de minst mogelijke inspanning
+de grootst mogelijke snelheid doet verkrijgen. Bij het opsporen naar
+deze beste methode heeft men geput uit de kennis der spieren, en uit
+de natuurkunde; maar de ervaring, de praktijk is hier de voornaamste
+leermeesteres. Het spreekt van zelf, dat deze opsporing niet overal
+dezelfde resultaten heeft gegeven. Ook bij 't roeien heeft men
+verschillende meeningen, verschillende theoriën. Maar omtrent een groot
+aantal punten, omtrent de hoofdzaken is men het ééns.
+
+Bij 't onderzoek naar de vereischten voor een goeden stijl, heeft men
+zich laten leiden door dit beginsel, dat de krachtsinspanning zooveel
+mogelijk over het geheele lichaam moet verdeeld worden.
+
+Gemakkelijk is 't te begrijpen waarom. Werken slechts weinige spieren,
+dan drukt 't geheele gewicht van den arbeid op deze, en zij zullen niet
+alleen het niet zoo lang volhouden, maar er zal ook lang niet zooveel
+kracht ontwikkeld kunnen worden, als wanneer 't werk door een groot
+aantal spieren verricht wordt. Verdeeling van den arbeid dus, en wel
+naar de juiste maat; elke spier drage bij naar zijne krachten!
+
+Wij zullen trachten naar ons vermogen uiteen te zetten hoe men een
+eerstbeginnende de hoofdbeginselen van 't roeien leert, voor welke
+fouten hij zich vooral moet hoeden, en welke eischen men aan een goeden
+stijl mag stellen.
+
+Maar vooraf nog een raad. Laat hij, die wil leeren roeien, eerst
+leeren zwemmen, zoo hij deze kunst nog niet verstaat. Want hoewel niet
+dikwijls, zoo gebeurt 't toch soms, dat de boot omslaat, en dit gevaar
+bestaat vooral in ons land, waar men veel ruw water vindt. Aan hem,
+die op 't IJ of op de groote rivieren in ons land roeit, is deze raad
+in de eerste plaats gegeven, maar ook aan hem, die door de ligging
+van de plaats, waar zijne roeivereeniging gevestigd is, minder in
+de gelegenheid verkeert om zich op ruw water te begeven. Er zijn
+voorbeelden van 't verdrinken van een groot deel der bemanning door
+'t omslaan van de boot.
+
+
+§ 2. _De eerste beginselen van de roeikunst._
+
+Om iemand het roeien te leeren, is het raadzaam hem te plaatsen in
+eene zware tweeriemsgiek met vaste banken. De onderwijzer gaat op den
+stuurbank zitten, als slag neemt een geoefenden roeier plaats in de
+boot, terwijl de leerling den boegriem in handen krijgt. Deze methode
+heeft het voordeel, dat de leerling tegelijk dat hem de lessen worden
+gegeven, de toepassing ervan kan zien; de noodige wenken worden hem
+gegeven, de fouten worden hem aangewezen door den stuurman, terwijl hij
+een voorbeeld vóór zich heeft in den slag, die hem de verschillende
+bewegingen vóórdoet, en dien hij tracht na te volgen.
+
+Het eerste wat de leerling moet leeren is de _houding_ in de boot. Hij
+plaatst zich midden op het aan den bank bevestigd matje. Dit matje moet
+op zoodanige wijze om den bank worden gebonden, dat men vlak bij het
+boord zit zonder het nochtans met zijn dijen aan te raken.
+
+De voeten worden stevig tegen het spoorplankje aangedrukt, na ze onder
+de voetriemen te hebben geschoven. Daarvoor is het noodig, dat het
+spoorplankje niet te ver verwijderd is, maar juist zóóver, dat de
+beenen niet geheel gestrekt kunnen worden, en de knieën nog iets gebogen
+zijn. Vooral op dit laatste moet de onderwijzer letten, daar ieder
+eerstbeginnende de neiging heeft, om het spoorplankje zoover mogelijk
+van zich af te zetten, ten einde bij het scheren minder last van zijne
+knieën te hebben. Toch is 't noodzakelijk voor een stevigen zit en voor
+een veerkrachtigen slag, dat de voeten stevig tegen den spoorplank
+aangedrukt worden, hetgeen alleen mogelijk is wanneer de beenen niet
+geheel gestrekt zijn.
+
+De hielen worden tegen elkander gedrukt en de voeten waaiervormig
+uitgespreid. De beenen worden evenwijdig met de bootskiel gestrekt.
+
+Het bovenlijf wordt volkomen rechtop gehouden, beide schouders op
+gelijke hoogte, en vooral niet naar één kant overhellend; 't gezicht en
+de borst gekeerd naar den achtersteven, met geen der zijden vooruit.
+
+De borst wordt naar boven gewelfd, en de schouders iets naar beneden
+achterwaarts gedrukt, maar zonder overdrijving, zonder zoogenaamden knip
+of deuk in den rug. Het doel moet zijn om de longen en het hart zooveel
+mogelijk ruim en onbekneld te laten werken, zonder toch eene gewrongen
+houding aan te nemen. Hoe meer ongedwongen, hoe vrijer en gemakkelijker
+men zit, hoe beter; want daardoor wordt de werking der spieren
+zuiverder, en kan er meer kracht ontwikkeld worden.
+
+[Illustratie: _Verkeerde greep._ Fig. 5.]
+
+[Illustratie: _Juiste greep._ Fig. 6.]
+
+Na de houding moet de leerling leeren zijn riem vast te houden.
+Onwillekeurig zal hij bij 't roeien wanneer hij eenige kracht wil
+zetten, zijn riem stevig omknellen, zelfs knijpen. (Zie fig. 5.) Dit nu
+is niets anders dan verspilling van krachten, want daardoor worden de
+spieren, nl. die van den benedenarm, gespannen en vermoeid, zonder er
+eenig grooter resultaat mede te verkrijgen. De handen moeten slechts
+dienen als middel om den riem te verbinden aan het lichaam; hoe losser
+dus de riem vastgehouden wordt, hoe beter, en daartoe buige men slechts
+de twee uiterste leden der vingers, waardoor er als 't ware een haak
+gevormd wordt, die zich om den riem slaat; (zie fig. 6) de duim wordt
+onder den riem gehouden en ook slechts met 't uiterste lid er tegen
+aangedrukt. De polsgewrichten mogen volstrekt niet naar beneden gebogen
+worden, want daardoor worden juist de spieren van den benedenarm
+ingespannen, hetgeen van geen nut is, en daarom streng verboden moet
+worden. Het doel moet immers zijn geen spier in te spannen, zonder
+daaruit eenig aan de krachtsinspanning evenredig resultaat te
+verkrijgen. De hand moet dus zóó gehouden worden, dat zij met den
+arm één rechte lijn vormt.
+
+De buitenhand houdt men geheel aan 't einde van den riem, de binnenhand
+ongeveer 1 d.M. er van af. Daar men met de buitenhand verder moet
+reiken, zoo moet deze nog losser om den riem geslagen zijn dan de
+binnenhand.
+
+Nu gaat de leerling slagklaar liggen, d. i. hij strekt 't lichaam flink
+vooruit, zonder nochtans den rug te krommen, of de schouders te veel
+naar voren te brengen, waardoor zijn hoofd zich als 't ware daartusschen
+verbergt; maar toch moet dit ongedwongen geschieden. Deze houding is
+voor den eerstbeginnende zeer lastig te leeren, want hij zal allicht in
+één van twee uitersten vervallen, òf zijn rug krommen en de schouders te
+veel naar voren brengen, òf stijf blijven zitten en zelfs een deuk, een
+holte in zijn rug maken.
+
+Maar na eenige oefening zal het hem gelukken de middelmaat te vinden,
+waarbij hij zijn borst vrij laat zonder zijn spieren geweld aan te
+doen.
+
+De armen worden volkomen gestrekt, 't lichaam evenwijdig met de kiel
+naar den achtersteven gericht, niet naar binnen gebogen, en zonder dat
+de buitenzijde méér naar voren komt.
+
+Nu wordt het tijd den leerling de verschillende bewegingen, die
+gezamenlijk 't roeien vormen, te leeren. Is hij slagklaar, dan wordt
+eerst 't blad van den riem juist verticaal in 't water gelaten, door de
+handen even op te lichten. Een punt van groot belang is dat _de stand
+van 't blad juist verticaal is_; noch de holle, noch de bolle zijde mag
+eenigszins naar boven gekeerd zijn; in 't eerste geval zou 't blad, bij
+'t maken van den slag, dadelijk in de diepte verdwijnen, zonder veel
+tegenstand van 't water te ondervinden, en dus in een gedeelte van den
+slag niet de voortstuwende kracht op de boot uitgeoefend worden, terwijl
+het bovendien moeite kost om den riem van uit de diepte weer uit 't
+water te brengen; in het tweede geval zou 't blad niet dadelijk geheel
+in 't water gaan, maar gedeeltelijk er boven blijven rusten, ja, soms
+zal het eerste gedeelte van den slag daardoor in de lucht gemaakt
+worden. Opdat het blad zuiver verticaal in 't water gehouden wordt, is
+het noodig dat de riem goed gevormd en niet gedraaid, het stootleer
+juist aangebracht is, en de trekdol niet scheef achterover staat. Het is
+zelfs wenschelijk, dat de afstand tusschen de dollen van boven kleiner
+is dan onderaan.
+
+Ook noodzakelijk is het, dat _niets meer maar ook niets minder dan het
+blad onder water wordt gestoken_. Komt een gedeelte van den steel ook
+onder water, dan zal grooter moeite ontstaan om den riem uit 't water te
+lichten, zonder dat de voortstuwende kracht grooter wordt, want de dunne
+steel ondervindt bijna geen weerstand van 't water; laat men echter een
+gedeelte van het blad boven water, dan zal de weerstand van 't water
+aanmerkelijk kleiner worden en daarmede ook de voortstuwende kracht.
+
+Nu wordt 't blad van den riem in rechte lijn in horizontale richting
+gelijkmatig door 't water getrokken, door met 't lichaam kalm achterover
+te zwaaien. _De armen worden daarbij volkomen gestrekt gehouden_, zoodat
+de kracht wordt uitgeoefend door de spieren van den rug. Eerst op 't
+einde van den slag, wanneer 't lichaam zijn zwaai volbracht heeft,
+worden de armen gebogen, en de riem tot aan den buik of de borst
+doorgetrokken. Men zorge hierbij steeds den rug niet te krommen, en
+op 't einde van den slag zelfs _de schouders achterwaarts neder te
+drukken_. _Het blad van den riem wordt_, zooals wij reeds zeiden,
+_gedurende den geheelen slag op gelijke hoogte onder het water gehouden
+tot op het einde toe_.
+
+Is de slag gemaakt, dan is 't noodig, ten einde een nieuwen slag te
+beginnen, dat 't lichaam opnieuw naar voren gebogen en de armen gestrekt
+worden.
+
+Om de verschillende bewegingen van 't roeien zuiver te leeren maken, is
+het noodig, dat ze in het begin langzaam en kalm uitgevoerd worden. Door
+ze dadelijk snel en vlug te willen maken, leert men fouten aan.
+
+Dus men ligt met 't lichaam iets achterover en 't handvat van den riem
+tegen den buik of den borst gedrukt. Nu wordt 't blad uit 't water
+gelicht door eene kleine drukking van de handen op den riem ('t scheren
+moet niet dadelijk geleerd worden, maar eerst nadat de leerling de
+bewegingen van 't roeien reeds eenigszins begint te begrijpen, en zich
+wat thuis begint te gevoelen in de boot), daarna worden de armen in ééns
+gestrekt, en 't lichaam vooruit gebracht.
+
+Deze tweeledige beweging wordt in de volgende volgorde uitgevoerd: _men
+begint de armen te strekken, vóórdat de voorwaartsche beweging van 't
+lichaam wordt gemaakt_, en wel omdat: 1º. men veel meer moeite heeft
+de beweging te maken met gebogen armen, dan met gestrekte; ten bewijze
+hiervan beproeve men een zwaar voorwerp of een persoon weg te duwen
+met gebogen armen, en daarna met gestrekte; dan zal men bemerken dat
+'t laatste veel minder inspanning kost; 2º. omdat, wanneer de armen
+niet dadelijk gestrekt worden, de knieën in den weg zitten, vooral op
+sliding-seats; maar ook op vaste banken, omdat ook hier de knieën zich
+bij de voorover strekkende beweging van 't lichaam iets opheffen; 3º.
+omdat, wanneer de voorwaartsche beweging wordt gemaakt met gebogen
+armen, 't lichaam zich noodzakelijk over den riem moet heenbuigen, en de
+borst wordt ingetrokken; 4º. omdat anders de voorwaartsche beweging op
+'t einde niet langzaam uitloopt, zooals behoort, maar juist op 't laatst
+de grootste snelheid verkrijgt, zoodat zij met een schok moet eindigen.
+
+Wanneer deze beweging is volbracht, laat men het blad van den riem weer
+dadelijk in 't water, zooals hierboven is aangeduid, en begint op 't
+zelfde oogenblik te trekken, niet met een ruk, _maar toch met kracht,
+en met evenveel kracht trekt men den geheelen slag door_.
+
+Zoo maakt 't lichaam een slingerende beweging, evenwijdig met de
+kiel van de boot, zonder bij 't einde van den voorwaartschen of
+achterwaartschen zwaai te rusten. Zoodra de slag geëindigd is, wordt de
+riem in één beweging uit 't water gelicht en naar achteren gebracht, en
+ook zoodra hij zijn vlucht boven 't water volbracht heeft, weer dadelijk
+in één beweging ondergedompeld en door het water heengehaald. _Er
+mag geen stilstand in de beweging van den riem zichtbaar zijn, ja,
+schijnbaar moet alles in één onafgebroken loop doorgaan._
+
+Eerst na de eerste lessen komt 't _scheren_ aan de beurt. Dit is het
+naar achteren zwaaien van den riem met 't blad in horizontale houding.
+De moeilijkheid bestaat in 't platdraaien van 't blad. Dit moet op de
+volgende wijze geschieden: Nadat de slag geheel volbracht is, brengt men
+eerst eene drukking met de vingers op 't handvat van den riem teweeg,
+en vlak daarna drukt men er den palm van de hand tegen, waardoor de
+riem van zelf omgedraaid wordt en tegelijk het blad zijn vlucht over
+het water begint. Dit moet noodzakelijk in de aangegeven volgorde
+geschieden. Drukt men eerst den palm van de hand tegen den riem, dan zal
+'t blad zich noodwendig onder water omkeeren, en men „vangt een snoek.“
+Worden beide bewegingen tegelijk uitgevoerd, dan zal de onderkant van
+het blad nog even de gelegenheid hebben wat water mede te nemen en door
+de omdraaiende beweging een straaltje in de hoogte te werpen. Dit
+laatste is niet zoo gemakkelijk te vermijden, en zelfs oudere en meer
+geoefende roeiers ziet men het dikwijls doen.
+
+Men moet deze fout echter wel onderscheiden van eene andere veel
+grootere fout, n.l. het naar achter weg werpen van water. Terwijl het
+eerste een gevolg is van incorrect platdraaien van 't blad van den riem,
+is het laatste 't gevolg van een geheel verkeerde houding van den riem
+gedurende 't laatste gedeelte van den slag. Het blad van den riem wordt
+dan gedurende den slag reeds een weinig omgedraaid, zoo dat het niet
+geheel verticaal meer is, daarbij worden de handen niet in één rechten
+lijn naar den borst getrokken, maar in een boog naar beneden gedrukt.
+Zoo wordt met 't blad van den riem een kolom water mede opgelicht,
+en door 't laatste gedeelte van den slag weggeworpen. Dat dit tot
+de grootste fouten in 't roeien behoort, is duidelijk, want door 't
+naar beneden drukken van den riem worden krachten aangewend niet in
+horizontale richting, maar om de boot in 't water neer te drukken;
+bovendien gaat 't laatste gedeelte (hoe klein ook) van den slag in de
+lucht verloren. Nadat de leerling eenigen tijd op vaste banken heeft
+geroeid, en hij zich aangewend heeft bij het begin van den slag zijn
+lichaam flink vooruit te strekken, en bij het einde goed achterover te
+vallen, en de slingerende beweging van het bovenlijf zonder schokken of
+stooten uit te voeren, dan wordt het eerst tijd hem op sliding-seats te
+doen plaats nemen. Hier wordt de beweging meer gecompliceerd, daar nu
+de werking der beenen grooter is dan op vaste banken. Telkens wanneer
+de slag geëindigd is en 't lichaam vooruitgestrekt wordt, moet ook 't
+bankje naar voren gebracht worden. Dit laatste mag echter volstrekt niet
+met geweld gedaan worden. Door de voorwaartsche strekking van armen en
+lichaam wordt de stoot gegeven, waardoor 't bankje als 't ware van zelf
+naar voren glijdt. Daarmee willen wij niet zeggen, dat 't vooruitbrengen
+van 't lichaam met een schok moet geschieden, maar _eerst armen en
+bovenlijf, en dan volgt de sliding-seat gemakkelijk en als van zelf_.
+Doet men dit niet op deze wijze, dan zullen de spieren, die langs het
+scheenbeen loopen, spoedig vermoeid worden, en de boot zal eene
+stootende beweging verkrijgen.
+
+Op 't oogenblik dat 't bankje naar voren is gebracht, moet ook 't
+lichaam voorover gestrekt zijn, en op datzelfde oogenblik wordt het blad
+weer in 't water gestoken en een nieuwe slag begonnen. Op de wijze,
+waarop men met de beenen de sliding-seat naar achteren afzet, in verband
+met de achteroverstrekkende beweging van 't lichaam, komen wij later
+terug. Eerstbeginnenden is het vooral zaak op het hart te drukken,
+ook hierbij _geen rukken of stooten te geven, maar gelijkmatig en
+veerkrachtig alle bewegingen van 't roeien uit te voeren_.
+
+Wij gelooven dat het, om 't juist gebruik van de sliding te leeren, den
+beginner aan te raden is om in 't eerst niet de geheele lengte ervan af
+te loopen, maar langzamerhand telkens een grooter stuk ervan te
+gebruiken.
+
+ * * * * *
+
+Wij behoeven bijna niet te zeggen, dat het van 't grootste gewicht is,
+dat de leden van een ploeg _goed maat houden_, dat zij allen op 't
+zelfde oogenblik hun riem in 't water steken en kracht zetten, en ook
+op 't zelfde tijdstip hem er weer uit lichten en beginnen te scheren.
+Wordt dit niet gedaan, dan zal 't totaal van de uitgeoefende kracht
+versnipperd worden, en de boot nu eens naar bakboord- dan weer
+naar stuurboordzijde overgetrokken worden, terwijl bovendien eene
+schommelende beweging van de boot, 't gevolg van ongelijk roeien, niet
+alleen lastig is voor de roeiers, maar ook eene wrijving veroorzaakt met
+'t water, die den gang van de boot tegenhoudt.
+
+ * * * * *
+
+In dit hoofdstuk hebben wij gesproken van het „_snoek vangen_.“ Dit
+gebeurt òf wanneer men den riem na 't eindigen van den slag niet tijdig
+uit 't water kan lichten, òf wanneer men bij 't scheren, in plaats van
+'t blad over de oppervlakte van 't water te laten gaan, het ontijdig in
+zijne platgedraaide houding weer in 't water doet vliegen. Het eerste
+geval komt voor, wanneer de riem niet verticaal, maar scheef in 't water
+wordt gestoken, zoodat hij in de diepte verdwijnt; of wanneer men 't
+blad platdraait, vóórdat het uit 't water is gelicht. In beide gevallen
+zal de boot een schok krijgen, en zoo de riem niet dadelijk uit de
+dollen wordt gelicht, zullen deze noodwendig moeten breken. Daarom,
+roeier, wanneer 't ongeluk van een snoek te vangen u overkomt, hef dan
+dadelijk 't handvat van den riem met beide handen op, zoodat hij uit
+de dollen gelicht wordt, en door den vaart over 't water langs den
+achtersteven van de boot komt te glijden. Dadelijk daarna wordt 't
+blad van den riem op 't water rustende met eenige kracht naar achteren
+geslingerd, en op deze wijze wordt het met leer bedekte gedeelte weer in
+de dollen gebracht.
+
+Na de beginselen van 't roeien leert men met de boot te manoevreeren.
+Plotseling kan zich iets voor den boeg opdoen, dat de stuurman eerst
+laat ontdekt; dan is 't zaak de boot dadelijk tot stilstand te brengen,
+ten einde eene botsing te voorkomen. Of men heeft zich in een nauw
+vaarwater begeven, waarin 't wenden onmogelijk is, en de weg wordt
+versperd. In het eerste geval moet men kunnen _stoppen_, in het tweede
+_strijken_.
+
+Het stoppen geschiedt aldus: met gestrekte armen en 't lichaam iets
+voorover gestrekt brenge men 't blad van den riem bijna horizontaal,
+maar met de holle zijde iets naar den boeg gericht, in 't water, en
+draaie dan langzamerhand den riem om, totdat de holle zijde geheel naar
+den voorsteven gekeerd is. Daarbij zorge men echter niet op het handvat
+van den riem te drukken, want daardoor wordt het boord naar beneden
+gedrukt.
+
+De bewegingen van het strijken zijn juist de tegenovergestelde van die
+van het ophalen of trekken. Achterover zittende brenge men den riem, met
+de holle zijde van 't blad naar den boeg gekeerd, in 't water, strekke
+de armen en bewege 't lichaam voorwaarts, zoodat het blad door 't water
+geduwd wordt; na 't einde van den slag drukke men den riem iets neer
+en draaie hem plat, schere het blad over 't water door 't lichaam
+achteruit te brengen en de handen tegen de borst te trekken, en beginne
+een nieuwen slag. Ook deze beweging geschiedt gelijkmatig, terwijl
+slechts 't blad van den riem onder water mag gehouden worden. Bij 't
+wenden, wanneer het ééne boord ophaalt en het andere strijkt, moeten
+ook de riemen gelijktijdig in 't water komen, en daarbij richten zich
+de strijkende roeiers naar de trekkende.
+
+
+§ 3. _Nadere behandeling van sommige punten._
+
+Wij stellen ons voor eenige momenten in de beweging van 't roeien
+uitvoeriger te bespreken, enkele, omdat daaraan veel gewicht moet
+gehecht worden, andere, omdat daarin de meeste fouten voorkomen, weer
+andere, omdat daaromtrent de meeningen zeer uiteenloopen.
+
+De correcte uitvoering van de bewegingen is dáárom niet alleen
+wenschelijk, omdat 't begaan van een fout ten gevolge heeft verspilling
+van krachten of verkeerde krachtsaanwending, maar ook omdat één fout
+gewoonlijk andere na zich sleept. Het scheef inzetten b.v. van het blad
+van den riem maakt niet alleen dat het eerste deel van den slag verloren
+gaat, maar bovendien wordt het lastiger den riem van uit de diepte weer
+uit 't water te lichten, en dit belemmert de snelle voortwaartsche
+beweging van 't lichaam; de roeier komt daardoor uit de maat, en om
+gelijk te blijven is hij genoodzaakt zijn lichaam minder voorover te
+strekken en dus zijn slag korter te maken.
+
+Indien het blad van den riem niet gedurende den geheelen slag onder
+water gehouden wordt, maar bij het einde half uit 't water gelicht, dan
+zal niet alleen de op de boot werkende voortstuwende kracht verminderd
+worden, maar bovendien door den minderen weerstand van 't water tegen
+het blad, de slag spoediger geëindigd zijn dan bij de andere roeiers
+'t geval is, wanneer door allen dezelfde kracht wordt aangewend; zoo
+zal dus ook hier de maat verbroken zijn, en de voorwaartsche beweging
+langzamer moeten zijn om zich als 't ware te laten inhalen, en bij 't
+begin van den slag weer gelijk te zijn.
+
+Vooral zullen eene massa fouten voortkomen uit het verkeerd gebruik
+maken van de armen op het einde van den slag. Zooals men weet, moet
+op het einde van den slag, wanneer het lichaam zijne achterwaartsche
+beweging gemaakt heeft, de riem tot de borst worden doorgetrokken. Dit
+geschiedt natuurlijk door de buiging der armen, maar daarom volstrekt
+nog niet _door de samentrekking van den biceps_. Integendeel, de biceps
+blijft nagenoeg werkeloos, en de beweging wordt uitgevoerd door de
+spieren, die de schouderbladen verbinden met den bovenarm, en de
+spieren, die aan de achterzijde van den bovenarm liggen. Om zich een
+denkbeeld te vormen van de werking dier spieren, stelle men zich voor
+dat men met den elleboog een voorwerp achterwaarts duwt door den
+bovenarm iets voorbij 't lichaam naar achteren te brengen, of dat men
+een achter zich staanden persoon met den elleboog een stomp geeft.
+Dezelfde spieren, die dan in werking komen, gebruikt men ook bij het
+roeien, de bovenarmen worden aangehaald, totdat zij langs en evenwijdig
+met 't lichaam komen te hangen, de benedenarmen dienen hierbij slechts
+als eene verbinding van den riem met de bovenarmen; anders uitgedrukt,
+de hoek bij den elleboog wordt eenvoudig gemaakt door den bovenarm
+achterwaarts te trekken, niet door den benedenarm naar zich toe te
+halen, hetgeen door den biceps geschiedt. (Zie fig. 7).
+
+[Illustratie: Fig. 7.]
+
+Buigt men de armen door de samentrekking van den biceps, dan moeten
+noodzakelijk de ellebogen zijwaarts opgeheven worden, want anders zou
+de riem naar den hals en dus veel te hoog opgetrokken worden. Brengt men
+daarentegen den riem naar 't lichaam door de werking van de spieren over
+de schouderbladen en aan den achterkant van den bovenarm, dan komen de
+armen langs het lichaam, met de ellebogen naar beneden gericht.
+
+Men behoeft dus niets anders te doen dan de armen langs het lichaam aan
+te trekken, om de aangewezen spieren te laten werken, en een krachtig
+einde van den slag te maken.
+
+[Illustratie: Fig. 8.]
+
+Doet men dit niet, trekt men door de kracht van den biceps den riem
+tot de borst, en houdt men bijgevolg de ellebogen zijwaarts opgeheven,
+zooals in fig. 8 is afgebeeld, dan zal 't einde van den slag niet alleen
+veel zwakker zijn, maar, en hiervan zijn wij uitgegaan, deze fout zal
+talrijke andere fouten na zich slepen.
+
+In de eerste plaats zal de borst ingedrukt en de rug gekromd worden
+op 't einde van den slag, juist op 't oogenblik dat de borst 't meest
+moet gewelfd worden. Men kan zich hiervan gemakkelijk overtuigen door
+een niet al te zwakken armstrong te nemen, dien met het ééne einde
+ergens aan te bevestigen, en met beide handen aan het andere einde
+den armstrong uit te rekken door de armen, met de ellebogen zijwaarts
+opgeheven, te buigen. Men zal dan duidelijk kunnen bemerken dat de borst
+eene sterke neiging heeft zich in te trekken. Voert men echter dezelfde
+beweging uit met omlaag gehouden ellebogen, dan zal de borst zich
+gemakkelijk en als van zelf opheffen.
+
+Een tweede gevolg van de aangewezen fout is eene langzame en aarzelende
+strekking van de armen na 't uit 't water halen van den riem. Wanneer
+de armen zijwaarts worden gebogen, dan vormen zij bij den elleboog een
+scherper hoek, dan wanneer ze langs het lijf worden aangetrokken; en
+hoe meer de armen zijn gebogen, hoe scherper hoek zij dus maken, des
+te moeilijker wordt ook de strekkende beweging. Deze zal dus langzamer
+zijn, en om den verloren tijd in te halen moet de voorwaartsche beweging
+in 't volgend oogenblik en op 't einde sneller zijn, waardoor schokken
+gegeven worden en de beweging de vereischte gelijkmatigheid en
+veerkracht verliest; of, en dit is even verkeerd, de armen worden niet
+in ééns gestrekt, en daarna eerst 't lichaam voorover gebracht, maar
+beide bewegingen beginnen gelijktijdig, zoodat het lichaam zich over
+den riem heenbuigt; wij hebben boven aangeduid, waarom dit verkeerd is.
+
+ * * * * *
+
+Eene andere fout die op 't einde van den slag bedreven wordt en zeer
+veel voorkomt, is _dat de roeier het lichaam tegen den riem optrekt_, in
+plaats van den riem tot de borst door te halen. Dat hierdoor de slag
+aanmerkelijk korter wordt, springt in het oog, maar toch zal degene,
+die die fout begaat, dit zelf niet zoo spoedig inzien. Hij vormt zich
+de illusie een even langen slag te maken als de anderen, daar hij toch
+even ver zijn lichaam vooruitstrekt en achteroverzwaait als dezen, en
+verwondert zich dan, dat hij eerder „klaar“ is, maar bedenkt niet, dat
+hij wel zijn lichaam evenver achterover zwaait, maar vóórdat de slag nog
+geëindigd is, reeds weer aan den riem optrekt.
+
+Deze fout is gewoonlijk een gevolg van overhaasting, of, om 't zoo uit
+te drukken, van de begeerte om zoo spoedig mogelijk weer een nieuwen
+slag te beginnen.
+
+Een ander gevolg van die overhaasting is te groote inspanning van de
+beenspieren, voornamelijk die naast het scheenbeen loopen, bij 't naar
+voren komen. Hierboven is aangewezen in welke volgorde de bewegingen van
+armen, bovenlijf en beenen moeten uitgevoerd worden. Natuurlijk worden
+ze niet elk afzonderlijk uitgevoerd, ze vloeien in elkaar, maar de ééne
+moet vóór de andere _begonnen_ worden. Hij die 't eerst of gelijktijdig
+met de voorwaartsche beweging van 't bovenlijf zijne beenen aantrekt,
+loopt kans deze laatste te overspannen.
+
+ * * * * *
+
+Wij gaan nu over tot 't belangrijkste moment in de beweging van 't
+roeien, tot 't _begin van den slag_. Het is best mogelijk dat iemand al
+de opgenoemde vereischten voor een goeden stijl in zich vereenigt, dat
+hij eene goede houding heeft, zijn riem op de juiste hoogte in 't water
+houdt, de voorwaartsche beweging van 't lichaam correct uitvoert, en
+dat hij toch als roeier weinig beteekent, omdat hij in 't begin van den
+slag geen kracht zet, en, om zoo te zeggen, den riem een eind door 't
+water laat drijven, vóórdat hij er aan begint te trekken. Hij heeft de
+hoedanigheid verkregen om zijne krachten op de meest spaarzame wijze te
+gebruiken, en zoo weinig mogelijk te verspillen, maar hij wendt ze niet
+op het juiste oogenblik aan.
+
+Het is daarom van het hoogste gewicht dat men al dadelijk leert op
+hetzelfde oogenblik, dat 't blad in het water komt, zijne volle kracht
+aan den riem te brengen. Men moet doen, alsof, zoodra 't blad in 't
+water komt, 't bankje van onder zich verdwijnt, en de eenige steunpunten
+voor 't lichaam zijn 't spoorplankje en 't handvat van den riem,
+aan welk laatste men blijft hangen. Die juiste en bliksemsnelle
+krachtsaanwending wordt door de Engelschen van zóóveel gewicht geacht,
+dat zij legio termen hebben om het denkbeeld uit te drukken: „_Catch
+the water, do all the work at the beginning, lift at the beginning_“,
+en nog verscheidene andere. Dus tegelijk dat de voorwaartsche beweging
+is geëindigd, worden de handen iets opgelicht, zoodat de riem den
+vereischten steun in 't water heeft, en men hangt dan aan den riem en
+drukt de voeten stevig tegen den spoorplank.
+
+De reden waarom juist in 't begin van den slag de volle kracht gebruikt
+moet worden, is deze: na afloop van elken slag vermindert telkens de
+vaart van de boot, omdat elk licht vaartuig weinig vaart houdt zoodra de
+voortstuwende kracht opgehouden heeft te werken, en bovendien omdat door
+de voorwaartsche beweging van de lichamen of liever door de drukking van
+den riem op den strijkdol de gang gestremd wordt. Dus telkens wanneer
+men een slag begint, heeft de boot zijne minste vaart; op dat oogenblik
+heeft men den meesten „vat“ op 't water. Brengt men eerst later zijne
+volle kracht in werking, dan is een sneller achterwaartsche beweging
+van 't lichaam noodig om een even krachtigen druk op 't water uit te
+oefenen.
+
+Daarom, maak gebruik van 't oogenblik waarop gij den meesten steun in
+'t water hebt, waarop gij door een betrekkelijk langzame beweging groote
+kracht kunt uitoefenen.
+
+Het vereischt eene ernstige oefening om op 't juiste oogenblik op ééns
+zijne volle kracht aan te wenden, zonder toch een ruk te geven.
+
+Velerlei zijn daarom de fouten, die omtrent dit punt worden
+aangetroffen. Er zijn er, die, zooals wij reeds aanmerkten, eerst nadat
+de riem eenigen tijd in 't water is, hunne volle kracht gebruiken.
+
+Anderen beginnen den slag goed, verslappen echter spoedig en eindigen
+zwak.
+
+Weer anderen pakken 't water goed, rusten in 't midden van den slag wat
+uit, en geven aan 't eind nog een flinken ruk.
+
+Al deze manieren hebben 't groote gebrek dat zij geen volledig gebruik
+maken van den kostbaren tijd, dat de riem in 't water is, en de laatste
+methode nog bovendien dit, dat er rukken gegeven worden. Laat de roeier
+toch begrijpen dat door rukken geen resultaat verkregen wordt evenredig
+aan de krachtsinspanning. Bovenal zij hem op het hart gedrukt, om
+gelijkmatig den riem door 't water te halen, in 't begin van den slag
+reeds met volle kracht, maar zooveel mogelijk tot 't laatste toe die
+krachtsuitoefening voort te zetten.
+
+ * * * * *
+
+_De wijze waarop de roeier van zijn sliding-seat moet gebruik maken._
+
+Wij hebben reeds in de vorige § aangewezen op welke wijze men na
+volbrachten slag 't handvat van den riem weer vooruit brengt om een
+nieuwen slag te beginnen, en daarbij als eene zaak van veel gewicht
+er op aangedrongen, dat de handen dadelijk en met vlugheid voor zich
+uitgeworpen worden, en eerst daarna de zwaai van 't lichaam en de
+voorwaartsche beweging van 't glijbankje moeten volgen, en wel in de
+volgorde waarin wij ze opnoemen om deze reden, dat het lichaam zoodra
+het den steun van den riem moet missen, zoo spoedig mogelijk van zijne
+achteroverliggende houding opgeheven moet worden, daar deze houding eene
+vrij groote inspanning van de buikspieren vordert.
+
+Maar nu de trek, de eigenlijke slag: hoe moeten daarbij de bewegingen
+van 't lichaam en van de sliding-seat ten opzichte van elkander zijn?
+De armen kunnen wij hier buiten rekening laten, daar, zooals wij gezien
+hebben, deze eerst gebogen worden op 't einde van den slag, wanneer
+de overige deelen van 't lichaam hunne functiën verricht hebben.
+
+We hebben dus alleen te maken met den zwaai van 't lichaam en met het
+strekken der beenen.
+
+Daar de spieren der beenen de sterkste zijn van 't lichaam, zal de
+roeier er allicht toe komen, om bij 't begin van den slag de beenen in
+ééns en met kracht te strekken, terwijl 't bovenlijf voorover gebogen
+blijft, totdat 't bankje geheel naar achteren is gebracht, op welk
+oogenblik eerst de zwaai begint.
+
+[Illustratie: Fig 9.]
+
+Deze manier heeft deze twee fouten:
+
+1º. Wordt gedurende een groot deel van den slag 't lichaam in
+voorovergestrekte houding gelaten, in welke de spieren van den rug
+met meer moeite den last zullen dragen dan wanneer 't lichaam wat
+achterover gestrekt was. Zelfs zal het dikwijls voorkomen, dat bij
+zulke plotselinge strekking der beenen, 't bovenlijf niet in staat is
+te volgen, maar als 't ware achterblijft, dat tengevolge daarvan de
+schouders naar voren komen en de rug gekromd wordt, dat dus de geheele
+houding van den roeier bedorven wordt.
+
+2º. Ook dan, wanneer de goede houding bewaard blijft, werkt de
+langdurige vooroverliggende positie de vrije ademhaling tegen.
+
+~Victor Silberer~ in zijn „_Handbuch des Rudersport_“ is daarom eene
+andere methode toegedaan: „eerst het bovenlijf achterover zwaaien,
+en dan eerst de beenen strekken.“ Dus de beenen worden gedurende
+het eerste gedeelte van den slag in dezelfde stelling gehouden, de
+sliding-seat blijft op dezelfde plaats totdat het lichaam achterover
+gezwaaid is, waarna eerst de beenen gestrekt worden.
+
+[Illustratie: Fig. 10.]
+
+Ook deze methode heeft, naar onze meening hare gebreken, waardoor zij
+niet aanbevelenswaardig wordt.
+
+1º. Zal de „catch,“ 't begin van den slag, bij deze methode, niet zóó
+flink, niet zóó krachtig zijn als 't behoort. Met opgetrokken, sterk
+gebogen beenen kunnen de spieren van den rug niet zoo krachtig werken
+als na eenige strekking. En in die onnatuurlijke houding met opgetrokken
+knieën wil men hebben, niet alleen dat 't lichaam gedurende eenigen tijd
+blijft, maar ook dat bovenlijf zijne geheele functie zal verrichten,
+totdat het zijne uiterste achteroverhangende stelling heeft ingenomen.
+
+2º. Doet zich dit bezwaar voor, dat de beenspieren, de sterkste van het
+lichaam, gedurende een kort gedeelte van den slag, en nog wel op 't
+einde, wanneer de boot reeds weer vaart heeft, het bankje met snelheid
+achteruit stooten, hetgeen allicht de boot doet schokken.
+
+Bij de eerste methode bestond dit bezwaar niet, daar in 't begin van den
+slag de riem den grootsten weerstand ondervindt, en dus, hoe energiek
+de beenen ook werken, het bankje niet met zóó groote snelheid achteruit
+geschoven kan worden.
+
+Beide genoemde stelsels zijn uitersten; naar onze meening moet er eene
+transactie gesloten worden om de ware methode te verkrijgen.
+
+Zoodra de slag wordt aangevangen, strekken zich de beenen niet in ééns,
+noch zwaait 't bovenlijf achterover terwijl de knieën opgetrokken
+blijven, maar beide bewegingen geschieden gelijktijdig: het bankje wordt
+langzamerhand achteruit geduwd, terwijl het lichaam zijn
+achterwaartschen zwaai maakt.
+
+[Illustratie: Fig. 11.]
+
+In dit stelsel wordt het lichaam niet gedwongen gedurende een groot
+deel van den slag in onnatuurlijke houding te blijven, daar door eene
+kleine strekking van de beenen de rugspieren al dadelijk gemakkelijker
+kunnen werken, de sterke beenspieren werken mede tot een krachtig
+begin van den slag, terwijl aan den anderen kant ook eene langdurige
+voorovergestrekte houding van het bovenlijf vermeden is. Ook wordt de
+gelijkmatigheid, waarmee de riem door 't water gehaald wordt, door deze
+methode zeer bevorderd.
+
+ * * * * *
+
+Een andere kwestie van belang, waarover de meeningen nog al
+uiteenloopen, is _de mate van snelheid waarmee de riem naar voren
+gebracht moet worden na 't eindigen van elken slag_.
+
+Het beginsel waarvan men uitgaat, is om zoo weinig mogelijk tijd te
+verliezen. Elk overtollig oogenblik dat de riem boven water doorbrengt
+na elken slag, heeft ten gevolge tijdverlies, en maakt dus den tijd
+waarin de baan afgelegd wordt langer. Vandaar dan ook, dat de riem geen
+oogenblik stil mag zijn, noch na 't einde van den slag, wanneer hij uit
+'t water gehaald is, noch vóór 't begin van den slag na zijne vlucht
+over 't water. Wanneer de riem slechts 1/10 seconde stil ligt b.v. na 't
+einde van elken slag, dan blijft hij in één minuut, wanneer 40 slagen in
+de minuut gemaakt worden, reeds 4 seconden werkeloos. Zoo krijgt men een
+denkbeeld van 't kolossale tijdverlies, dat op de geheele baan wordt
+geleden.
+
+Dus in geen geval stilstand van den riem. Maar nu welke mate van
+snelheid? Wanneer men alleen rekening hield met het zooeven genoemd
+beginsel, dan zou het wenschelijk zijn om _zoo snel mogelijk_ naar
+voren te komen, omdat men dan zoo weinig mogelijk tijd verliest.
+
+Er zijn echter ook andere factoren van de snelheid van de boot, waarmee
+men rekening moet houden.
+
+1º. Zooals wij reeds ter andere plaatse hebben gezegd, verliest de boot
+na 't einde van elken slag door de voorwaartsche beweging van 't lichaam
+telkens een deel van hare snelheid. Hoe sneller nu de voorwaartsche
+beweging van 't lichaam is, hoe grooter de kracht waarmee de gang van de
+boot gestremd wordt.
+
+2º. Vordert 't naar voren brengen van 't lichaam eene groote inspanning
+vooral van de buikspieren. Wordt nu deze beweging zoo snel mogelijk
+gemaakt, dan worden genoemde spieren overmatig ingespannen, en daardoor
+de energie, de veerkracht van 't lichaam uitgeput, want men moet wel
+bedenken dat te groote inspanning van sommige spieren terugwerkt op alle
+deelen van 't lichaam.
+
+Zoo moet dus ook alweer hier een middenweg hem trachten te vinden
+door de praktijk, waarbij men zich zal kunnen laten leiden door twee
+hoofdbeginselen van het roeien: 1º. Nooit mag de beweging met schokken
+geschieden, 2º. Geen deel van 't lichaam mag bovenmatig en buiten
+evenredigheid met de andere deelen ingespannen worden.
+
+ * * * * *
+
+Wanneer iemand begint te leeren roeien, zal de gedurige aanmaning van
+zijn leermeester zijn: „_flink naar voren komen en goed naar achteren
+vallen!_“ Hoewel wij deze methode van leeren geenszins afkeuren, omdat
+de leerling steeds eene sterke neiging gevoelt om rechtop te blijven
+zitten, en slechts met de armen te werken, zoodat hij vroegtijdig moet
+gedwongen worden zijn bovenlijf te gebruiken, zoo zal men toch in de
+meeste gevallen zien dat hij na deze aanmaning in zijn ijver veel te
+ver achterover zwaait, en soms ook de voorover strekkende beweging
+overdrijft.
+
+_Tot hoever moet hij nu deze bewegingen uitstrekken?_
+
+In eene boot met vaste dollen zal de voorwaartsche strekking van het
+lichaam van zelf hare grens vinden in het gevaar dat de riem tusschen
+de dollen bekneld raakt. Men zorge dan steeds zoover naar voren te
+komen als maar mogelijk is, zonder in 't begin van den slag met den
+voorkant van den riem tegen den strijkdol aan te komen. Het is echter
+ook mogelijk, dat in eene boot de dollen te ver van elkaar verwijderd
+zijn; in dit geval en wanneer er draaiende gekozen worden, eene
+verzoening gezocht tusschen twee tegenstrijdige beginsels. In theorie is
+het moeilijk te zeggen, welke die middenweg is. Men moet zich wachten
+voor overdrijving van de voorwaartsche beweging. De strekking mag niet
+ontaarden in eene vooroverbuiging, zoodat de rug gekromd, de schouders
+vooruitgebracht, de borst bekneld wordt. Wij hebben het reeds meer
+gezegd, men moet zijn lichaam geen geweld aandoen. Het voordeel van een
+langeren slag weegt dan niet op tegen de groote inspanning om in die
+houding den riem met kracht door 't water te halen.
+
+Ook het achterovervallen mag niet reiken over een zeker punt, van waar
+de roeier zich weer gemakkelijk kan oprichten. Gaat men verder, dan
+zal de lengte van den slag daardoor winnen, maar het hieruit verkregen
+voordeel ook alweer niet in evenredigheid zijn met de vermeerdering van
+inspanning der buik- en lendespieren, die het lichaam weer moeten
+opheffen.
+
+Vaste regels zijn hier echter niet voor te geven; sommige roeiers zullen
+meer naar voren komen, anderen meer achterover vallen, weer anderen
+beide bewegingen in meerdere mate uitvoeren. Dit hangt dan grootendeels
+af van de gewoonte en van de oefening, waardoor zich sommige spieren
+meer ontwikkelen dan andere. Maar in elk geval wake men tegen
+overdrijving.
+
+In nauw verband met het juist gezegde staat _het aantal slagen_ door
+eene ploeg in de minuut gemaakt.
+
+Dikwijls ziet men op wedstrijden of ook wel wanneer als oefening op tijd
+wordt geroeid, de toeschouwers angstvallig letten op het aantal slagen
+in de minuut, en dan hoort men ook veelal uit het grootere of kleinere
+aantal conclusies maken ten nadeele of ten gunste van de ploeg.
+
+Meestal zijn die conclusies geheel ongemotiveerd; men kan in 't algemeen
+uit het aantal slagen geen gevolgtrekking maken over de kwaliteit van
+den roeier. Natuurlijk moet een zoogenaamde „_ratelslag_“ evenals een
+luie „_zeurslag_“ geen hoogen dunk geven van den roeier; dit ligt
+aan een gebrek in den stijl, hetzij aan overhaasting, hetzij aan
+langzaamheid, gemis aan veerkracht in de bewegingen. Maar het is zeer
+goed mogelijk dat eene bepaalde ploeg in eene zekere boot met 36 slagen
+in de minuut sneller roeit, dan met 38 slagen, als ook andersom.
+
+Daarom is het zoo verkeerd, dat een trainer vooraf bepaalt met hoeveel
+slagen zijne ploeg moet roeien, en aanmerking maakt, wanneer ze een
+kalmer, langer slag aanneemt. Dit kan hij eerst beoordeelen, wanneer hij
+zijne ploeg goed kent, en zelfs door proeven eene zekere ondervinding
+omtrent haar heeft opgedaan.
+
+ * * * * *
+
+Wij laten hier nog volgen eenige regels voorgeschreven door den
+schrijver van „_The principles of Rowing and Steering_“, en eenige door
+hem aangewezen meest voorkomende fouten.
+
+„The requisites for a perfect stroke are:
+
+1º. Taking the whole reach forward, and falling back gradually a little
+past the perpendicular, preserving the shoulders throughout square, and
+the chest developed at the end.
+
+2º. Catching the water and beginning the stroke with a full tension on
+the arms at the instant of contact.
+
+3º. A horizontal and dashing pull through the water immediately the
+blade is covered, without deepening in the space subsequently traversed.
+
+4º. Rapid recovery after feathering by an elastic motion of the body
+from the hips, the arms being thrown forward perfectly straight,
+simultaneously with the body, and the forward motion of each ceasing at
+the same time.[3]
+
+[3] Wij hebben hierboven in dit hoofdstuk eene andere meening verdedigd.
+
+5º. Lastly, equability in all the actions, preserving full strength
+without harsh, jerking, isolated, and uncompensated movements in any
+single part of the frame.
+
+Faults in rowing.—The above laws are sinned against when the rower
+
+1º. Does not straighten both arms before him.
+
+2º. Catches the water with unstraightened arms or arm, and a slackened
+tension as its consequence; thus time may be kept, but not stroke;
+keeping stroke always implying uniformity of work.
+
+3º. Rows round and deep in the middle, with hands high and blade still
+sunken after the first contact.
+
+4º. Keeps one shoulder higher than the other.
+
+5º. Doubles forward and bends over the oar at the feather, bringing the
+body up to the handle and not the handle up to the body.
+
+6º. Strikes the water at an obtuse angle, or rows the first part in the
+air.
+
+7º. Shivers out the feather, commencing it too soon and bringing the
+blade into a plane with the water while work may yet be done; thus the
+oar may leave the water in perfect time, but stroke is not kept. This
+and No. 2 are the most subtle faults in rowing, and involve the
+science of shirking.
+
+8º. Rolls backward, with an inclination towards the inside or outside of
+the boat.
+
+9º. Turns his elbows at the feather instead of bringing them sharp past
+the flanks.
+
+10º. Throws up water instead of turning it well aft off the lower angle
+of the blade. A wave thus created is extremely annoying to the oar
+further aft; there should be no wave travelling astern, but an eddy
+containing two small circling swirls.“
+
+
+§ 4. _Het scullen._
+
+Men zorge er voor, alvorens in eene scullingboot plaats te nemen,
+het roeien met één riem in den grond te kennen. En dan nog is het den
+beginner geraden in eene zware boot met vaste banken te beginnen, daar
+men in eene lichte raceboot reeds aan het bewaren van het evenwicht
+zoozeer zijn aandacht moet wijden, dat de beweging zelve er door op den
+achtergrond zou geraken.
+
+Het is ook wenschelijk dat het materiaal vooraf door een ervaren sculler
+worde nagezien, want hetgeen bij het roeien in 't algemeen over 't
+aanleeren van fouten door slecht materiaal gezegd is (bv. verkeerde
+stand van de dollen, van het stootleer, enz.) geldt in nog grooter
+mate bij het scullen. Men lette hierbij vooral op de voldoende ruimte
+tusschen de dollen, want, daar de hefboom van een scull korter is dan
+van een riem, is de hoek door een scull met de dollen gevormd, ook
+scherper, waaruit volgt, dat de dollen verder van elkander moeten staan,
+zal de scull niet er tusschen bekneld raken.
+
+De vereischten voor een goeden stijl in het scullen zijn dezelfde als
+bij het roeien met één riem. Door de hanteering van twee riemen wordt
+de beweging echter van zelf iets gewijzigd, want men wordt nu niet meer
+gedwongen met de eene hand verder te reiken dan met de andere, en zoo
+ook worden beide handen op 't einde van den slag even ver naar zich toe
+getrokken.
+
+Een punt van onderscheid maakt de lengte van den slag uit. In eene
+scullingboot kan en moet de slag langer zijn dan in eene andere.
+
+Bij de voorwaartsche beweging reeds kan de sculler iets verder reiken,
+daar hij zijne armen naar beide zijden voor zich uitspreidt, zoodat het
+lichaam recht voorover gestrekt kan blijven, terwijl de roeier, wil hij
+zich zoover mogelijk naar voren strekken, in dat geval genoodzaakt is
+zijn lichaam naar binnen te buigen en dan nog zijne armen niet recht
+voor de borst heeft.
+
+Maar het is vooral in de achterwaartsche zwaai dat de sculler zijn slag
+veel langer kan maken.
+
+Zoo de roeier zich te veel achterover geeft, zal het einde van den slag
+zeer zwak zijn, want de hefboom van zijn riem wijst naar zijn borst, en
+moet dus naar den binnenkant van zijn lichaam getrokken worden. Want
+indien het binneneinde van den riem zóó lang was, dat het handvat naar
+zijne borst getrokken kon worden, ook al was hij evenmin achterover
+gezwaaid, dan zouden al weder zijne armen buiten de richting van het
+lichaam vallen op het oogenblik, dat de riem een rechten hoek met het
+boord vormt, juist op het punt waarop de uitwerking van de ingespannen
+kracht het grootst is. Bij den sculler daarentegen snijden de rechts
+en links werkende krachten elkaar in het middenpunt der breedte van de
+boot, zoodat het lichaam steeds in de richting der kiel kan blijven
+werken, ook al is het nog zoo ver achterover gestrekt.
+
+Eene zaak van gewicht is nog deze:
+
+Bij het scullen is het nog meer noodig dan bij 't gewone roeien, dat
+de armen na het einde van den slag in eens gestrekt worden; de handen
+moeten bliksemsnel naar voren worden geworpen om eene aanraking met de
+knieën te voorkomen; voor deze aanraking bestaat nl. bij het scullen
+meer gevaar, daar de handen, niet op gelijke hoogte, maar de een boven
+de andere over de knieën worden gebracht.
+
+Deze beweging, juist uitgevoerd, zal de schouders terugbuigen en de
+vrije ademhaling bevorderen.
+
+~Walter Bradford Woodgate~ geeft nog eene andere afwijking aan van de
+regels gegeven voor 't gewone roeien.
+
+Hij zegt nl. dat een sculler op 't einde van den slag niet de sculls
+naar zijn lichaam moet trekken, maar 't lichaam aan de sculls optrekken,
+dus juist iets doen wat bij 't roeien met één riem streng verboden is.
+
+Als redenen voor deze afwijking worden opgegeven de volgende argumenten:
+
+1º. Bij het scullen wordt een langer slag gemaakt, het bovenlijf wordt
+verder achterover gezwaaid, zoodat een extra kracht noodig is om het
+weer op te heffen. De buik- en lendespieren zullen dus overmatig worden
+ingespannen, zoo zij niet ondersteund worden, doordat 't lichaam aan de
+riemen wordt opgetrokken.
+
+2º. Het gewicht van het bovenlijf wordt, zoodra de sculls 't water
+verlaten hebben, op de lendenen overgebracht. Is nu het lichaam op dat
+oogenblik ver achterover gestrekt, dan zal het gewicht rusten op het
+voorste gedeelte van de boot, waardoor de boeg „_dompt_,“ 't geen de
+vaart vermindert. Trekt men echter 't lichaam aan de riemen op, dan zal
+het gewicht eerst op de boot drukken wanneer 't lichaam weer een eind
+voorwaarts is opgeheven, en dus niet meer zoover achterover ligt, zoodat
+het gewicht niet zoover vóór in de boot komt.
+
+Niettegenstaande onze achting voor de kundigheden van den bekenden
+engelschen schrijver over de theorie van 't roeien, kunnen wij ons toch
+geenszins vereenigen met de door hem voorgestane meening.
+
+Onzes inziens is zijn betoog niets anders dan eene cirkelredeneering.
+
+Zij komt hierop neer: de sculler moet verder achterover zwaaien dan de
+roeier aan één riem; hieruit zullen twee gevolgen voortkomen:
+
+1º. Wordt grooter krachtsinspanning vereischt om 't lichaam weer naar
+voren te zwaaien, 2º. 't gewicht wordt na 't einde van den slag, zoodra
+de riemen uit 't water gelicht worden, meer naar 't voorste gedeelte van
+de boot verplaatst, waardoor de boeg zal dompen.
+
+Om nu deze beide nadeelige gevolgen te voorkomen, moet dienen de
+aanbevolen beweging, waarbij 't lichaam door de kracht van de armen
+aan de riemen wordt opgeheven, want zoo zal men de voorwaartsche zwaai
+vergemakkelijken, en dus krachten besparen, en tevens 't dompen der boot
+voorkomen.
+
+Volkomen waar; maar men vergeet dan, dat dit alles geschiedt ten
+koste van de lengte van den slag, want stel dat de sculler zijn
+achterwaartsche zwaai maakt totdat zijn lichaam den stand heeft van
+_a c_ op hierbovenstaand figuur, maar hij trekt zich op 't einde van
+den slag aan de riemen op, zóó dat op 't oogenblik dat zijne handen bij
+zijne borst komen, 't lichaam den stand _a b_ heeft, dan wordt de slag
+niet doorgetrokken tot punt _e_, maar tot punt _d_.
+
+[Illustratie: Fig. 12.]
+
+En waartoe dient nu de achterwaartsche zwaai tot _a c_, wanneer de slag
+er toch niet langer door wordt, dan wanneer de zwaai gegaan was tot
+_a b_? Immers nergens voor; want, hetzij men zich achterover geeft tot
+_a c_, maar zich weer optrekt tot _a b_, hetzij men eenvoudig slechts tot
+_a b_ achterover zwaait, in beide gevallen zal 't gewicht even ver naar
+voren in de boot verplaatst worden, en ook zullen in beide gevallen de
+buik- en lendespieren de voorwaartsche beweging moeten volbrengen van af
+_a b_.
+
+De redeneering van ~Woodgate~ loopt dus in dezen cirkel:
+
+De slag moet langer gemaakt worden van _d_ tot _e_, maar om de daaruit
+voortvloeiende nadeelen te niet te doen, geeft hij middelen aan de hand
+waardoor de slag weer ingekort wordt tot _d_.
+
+Is het dan niet eenvoudiger en dáárom beter, omdat de verdere zwaai
+achterover bespaard wordt, om slechts tot _a b_ achterover te vallen?
+
+Onze conclusie is dus deze: men moet zóóver het lichaam achterover
+zwaaien, dat de voordeelen van de meerdere lengte van den slag de
+nadeelen daaruit voortvloeiende nog overtreffen, en niet aan de nadeelen
+trachten te ontkomen door middelen die den slag feitelijk korter maken;
+want dit is met een omweg naar 't doel streven.
+
+ * * * * *
+
+Er doen zich bij het scullen nog eenige eigenaardige moeilijkheden voor,
+waarmede beginners soms zwaar te kampen hebben.
+
+1º. De sculls loopen over een afstand van 5 à 6 cM. over elkaar heen,
+waardoor het in 't begin moeilijk is het tegen elkaar stooten der handen
+te vermijden. De eene hand moet dus hooger dan de andere gehouden
+worden; het is geheel onverschillig welke hand men boven, welke onderaan
+houdt. Maar men werpe ze toch tegelijk naar voren, zoodat de sculls
+tegelijk in 't water komen, en het ook tegelijk weer verlaten.
+
+Om het afglijden der handen te verhinderen, legge men het bovenlid van
+den duim tegen het uiteinde van de scull aan.
+
+2º. Door de geringe breedte zal de boot spoedig aan 't „_rollen_“ gaan,
+en de sculler zal dit trachten te verhinderen door bij het scheren de
+bladen der sculls over 't water te laten gaan. Dit nu is verkeerd. Bij
+'t einde van den slag moet hij de sculls flink uit het water lichten en
+ze naar achteren brengen zonder de oppervlakte van 't water te raken.
+
+Dit is echter niet gemakkelijk, en eerst na oefening zal men zijn
+evenwicht leeren bewaren.
+
+Dikwijls wordt in het handvat van de scull een of twee ons lood gegoten
+om op het vereischte oogenblik gemakkelijker het blad uit het water te
+kunnen lichten en terug te brengen, zonder de oppervlakte van het water
+aan te raken.
+
+3º. Eene kunst die de sculler ook noodzakelijk moet leeren, is: zijn
+vaartuig _in den koers te houden_. In 't eerst zal hij daartoe telkens
+omzien, en zoodoende alras de handigheid verkrijgen om _alleen het
+hoofd_ om te wenden, zonder daarbij met roeien op te houden. Op wateren
+waar weinig of geen scheepvaart is, zal men dikwijls kunnen volstaan
+met de oogen steeds op den achtersteven gericht te houden, nadat men
+dezen eenmaal in de gewenschte richting heeft gebracht. Elke afwijking
+zal terstond in het kielwater zichtbaar worden. Bovendien heeft het
+gadeslaan van den achtersteven dit voordeel in, dat de sculler steeds
+'t werk zijner handen zal kunnen nagaan.
+
+De stuurtoestellen verlichten 't werk zeer, als het noodig is de boot
+weer in de vereischte richting te brengen, maar toch is het beter eerst
+eenigen tijd dit toestel _niet_ te gebruiken. Het gemak, waarmee men
+door een lichten druk van den voet eene afwijking der boot herstelt,
+verleidt den sculler allicht om de gelijkelijke arbeid der handen te
+veronachtzamen, en telkens zijn toevlucht te nemen tot 't stuurtoestel.
+Het roer nu vertraagt den gang der boot door den tegenstand van 't
+water. Hoe minder het dus gebruikt wordt, hoe beter.
+
+Zijn alle moeilijkheden overwonnen en heeft men zich een goeden stijl
+als sculler eigen gemaakt, zoo kan men zich vleien met het bewustzijn
+een hoogen trap van volmaaktheid in de schoone roeikunst bereikt te
+hebben.
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+VIERDE HOOFDSTUK.
+
+HET STUREN EN DE STUURMAN (_coxswain_, _barreur_, _Steuermann_).
+
+
+Evenals men den roeiliefhebber toeroept: „leer zwemmen vóórdat gij in
+de boot plaats neemt,“ raden wij den aanstaanden _stuurman_ aan om te
+leeren roeien alvorens de stuurlijnen ter hand te nemen.
+
+Dikwijls komt het voor, dat iemand, door liefde tot de stuurmanskunst
+aangetrokken, lid eener roeivereeniging wordt en dan maar terstond
+als stuurman in eene boot plaats neemt zonder zich de moeite te willen
+getroosten eerst te leeren roeien; immers, aldus redeneert hij, roeien
+en sturen zijn geheel verschillende kunsten en hebben niets met elkaar
+gemeen.
+
+Wij behoeven zeker niet te zeggen, welke gevaren een ploeg, door zulk
+een stuurman gestuurd, bedreigen.
+
+Daar zit hij dan op den stuurbank in eene gedwongene houding, onbekend
+met de kommando's, bij elken slag met het bovenlijf naar voren
+slingerende, dan naar bakboord dan weer naar stuurboord glijdende, bij
+de minste afwijking van den boeg zóó hevig aan een der stuurlijnen
+trekkend, dat de boot plotseling veel te ver naar de andere zijde
+vliegt, en bij het minste gevaar aarzelend en gereed om de stuurlijnen
+te laten glippen.
+
+Neen, eerst leeren roeien en dan sturen zij ieder aangeraden.
+
+Een roeier zal, wanneer hij op den stuurbank plaats neemt, zijn
+bovenlijf recht gestrekt houden en zorgen dat de boot niet naar ééne
+zijde overhelt, daar hij als roeier geleerd heeft hoe lastig dit voor
+de roeiers is. Hij zal een vast punt in de verte in het oog houden en
+daarop steeds aansturen, daar hij als roeier heeft ondervonden, hoe het
+zigzag sturen de roeiers afmat en den gang der boot vertraagt. Hij zal
+de stuurlijnen steeds gestrekt houden, daar hij hierdoor alleen de boot
+haren rechten koers zal kunnen doen behouden.
+
+Verder moet de stuurman zijne beenen als een Turk gekruist houden en de
+knieën zoover mogelijk uitgespreid. Tevens zal hij zooveel mogelijk
+onbeweeglijk zitten en niet elke beweging der boot volgen; dat hij bij
+elken slag door de meegevende beweging van het bovenlijf de snelheid der
+boot zou bevorderen, is louter fictie; immers zal hij bij het einde van
+den slag dezelfde beweging weer achterwaarts moeten maken om zijne
+gewone positie te herkrijgen en dus daarbij ook de snelheid der boot
+weer verminderen. Het eenig gevolg van dat heen- en weerslingeren is
+dus, dat hij door onvast op den bank te zitten de roeiers in hunne taak
+zal hinderen en door onbedoelde rukken aan een der stuurlijnen den gang
+der boot kan belemmeren.
+
+Ieder stuurman behoort verder met de volgende regels bekend te zijn:
+
+1º. eene boot, die stroomopwaarts gaat, moet aan den oever blijven en
+elke boot, die zij ontmoet, aan den binnenkant, d. w. z. in het midden
+van den stroom laten passeeren.
+
+2º. eene stroomafwaarts varende boot houdt het midden van den stroom en
+laat eene haar ontmoetende boot aan den buitenkant voorbijgaan.
+
+3º. eene boot, die eene andere boot inhaalt, moet voor deze uithalen om
+te passeeren, terwijl de ingehaalde boot ongestoord haren koers kan
+vervolgen.
+
+4º. ontmoeten twee booten elkaar op niet stroomend water, zoo wijken
+beiden naar stuurboord uit en ieder laat dus de andere aan bakboord
+passeeren.
+
+5º. eene boot met stuurman moet uitwijken voor eene boot, die zonder
+stuurman vaart.
+
+6º. eene roeiboot moet steeds voor eene zeilboot uitwijken.
+
+7º. een tweeriems moet voor een vierriems—een vierriems voor een
+zesriems—en deze weer voor een achtriems uitwijken.
+
+Dit over de plichten van den stuurman in het algemeen.
+
+Thans nog het een en ander over de taak, die hij op wedstrijden heeft te
+vervullen.
+
+Raceroeiers noemen den stuurman wel eens een noodzakelijk kwaad, en
+vooral de Franschen en Belgen schijnen deze meening zeer te zijn
+toegedaan, waarom zij dit kwaad maar zoo klein mogelijk trachten
+te maken en met de kleinste exemplaren van het genus „stuurman“ op
+wedstrijden verschijnen. Gewoonlijk zijn het kinderen van 25 à 30 kilo,
+aan wie in die landen op wedstrijden het roer wordt toevertrouwd. Dat
+zulk een knaap slechts pro forma in de boot zit ingevolge het reglement,
+dat een wedstrijd voor „booten _met_ stuurman“ heeft uitgeschreven,
+spreekt van zelf, daar de slag in werkelijkheid het bevel voert en hem
+gedurende den ganschen kamp instructies moet geven.
+
+Het voordeel van dezen maatregel ligt voor de hand: de roeiers hebben
+minder ballast mee te trekken en de snelheid der boot kan daardoor
+grooter zijn.
+
+Doch ook de nadeelen, die uit die instelling voortvloeien, zijn niet
+gering te schatten.
+
+Zoo de wedstrijd op een water, dat zeer onstuimig is of waar vele
+vaartuigen de baan her- en derwaarts doorkruisen, plaats vindt, zullen
+kinderen al zeer slechte leiders zijn op dat moeilijke pad, en
+ongelukken zullen allicht voorkomen.
+
+Een goed stuurman kan door eene juiste kennis van den invloed van wind
+en stroom op den gang der boot zijn ploeg menigen omweg en veel
+krachtsinspanning besparen.
+
+Wanneer wij bedenken, hoevele wedstrijden met eene bootslengte of minder
+gewonnen zijn, dan is het duidelijk, dat een goed stuurman, die de boot
+iedere afwijking, hoe gering ook, bespaart, en van elken gunstigen
+toestand van wind of stroom onmiddellijk partij weet te trekken, in
+vele gevallen voor een groot deel tot de overwinning heeft bijgedragen.
+
+En hoe kan men dit van een kind eischen? Hoe kan men in een kind die
+tegenwoordigheid van geest, dien vasten wil, dat vlug begrip verlangen,
+die zoo noodzakelijk zijn tot het vormen van een racestuurman in den
+waren zin van het woord? Wij herinneren den lezer slechts aan de wijze,
+waarop door belgische ploegen op wedstrijden de boeien worden gemaakt,
+waarbij zij steeds een eind tegen nederlandsche ploegen verliezen.
+
+Ook zouden wij er op kunnen wijzen, hoe bespottelijk het is op
+wedstrijden in genoemde landen den slag voortdurend tegen zijn „petit
+barreur“ te hooren schreeuwen en onophoudelijk te zien omkijken, in
+plaats van op het tempo zijner slagen en de conditie zijner mederoeiers
+te letten. Door dat geschreeuw èn van den slag èn van den stuurman, die
+zonder ophouden zijn „tirez donc“ laat hooren, worden ook de ooren der
+toeschouwers op een allesbehalve welluidend concert vergast.
+
+Neen, in dat opzicht is het in Nederland beter.
+
+De gecombineerde vergadering van alle nederlandsche roeivereenigen, in
+1885 te Amsterdam gehouden, heeft besloten, dat op onze wedstrijden
+slechts stuurlieden worden toegelaten, die minstens 60 kilo wegen,
+zoodat hierdoor het kwaad voorkomen wordt, dat sedert jaren in Frankrijk
+en België voortwoekert.
+
+Het is dus wel te verwachten, dat men binnenkort in België ons voorbeeld
+volgen en een niet te laag minimum-gewicht voor den racestuurman zal
+vaststellen.
+
+Het is namelijk noodzakelijk, dat deze taak door iemand wordt
+waargenomen, die in staat is met vaste hand den koers der boot te
+bepalen, van elk voordeel partij te trekken, den roeiers op den
+wedstrijd moed kan inboezemen en hen, zoo zij verslappen, met nieuwe
+krachten weet te vervullen en tot de uiterste inspanning aan te sporen.
+
+En in dat geval, is de stuurmanskunst eene edele kunst en kan de
+stuurman met evenveel recht trotsch zijn op zijne behaalde medaille als
+de roeier op de zijne.
+
+Verkiest men echter zonder stuurman te roeien, zoo kieze men
+wedstrijden voor booten, die door een der roeiers worden gestuurd, doch
+trachte niet den edelen roeisport te verlagen door gehuurde kinderen in
+de boot te nemen en aldus een voordeel op zijne tegenpartij te erlangen.
+
+In vele landen is het roeien in booten, voorzien van een _stuurtoestel_,
+(_steering-apparatus_), reeds doorgedrongen.
+
+Het is eene amerikaansche uitvinding, die het gemis van een stuurman
+mogelijk maakt door diens taak aan een der roeiers op te dragen. Op de
+spoorplank van een der roeiers namelijk is een toestel aangebracht, dat
+met de stuurlijnen in verband staat en den roeier in staat stelt de boot
+met zijne voeten naar rechts of links te wenden.
+
+Er zijn drie soorten van dit stuurtoestel, die allen, hoewel in
+hoofdzaak aan elkaar gelijk, in samenstelling een weinig verschillen.
+Het beste wordt vervaardigd door ~Searle & Sons~ te Londen.
+
+Het spreekt van zelf, dat het gebruik van dit toestel van den roeier
+groote vaardigheid vereischt, zoodat het in eene meerriemsboot
+gewoonlijk aan den bekwaamsten roeier wordt opgedragen.
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+VIJFDE HOOFDSTUK.
+
+ Multatulit fecitque puer, sudavit et
+ alsit, abstinuit venere et vino.
+
+DE TRAINING.
+
+
+Een enkel woord vooraf over de keuze der roeiers en over de
+samenstelling van eene ploeg is hier op zijne plaats. Dikwijls wordt
+bij de samenstelling van eene raceploeg meer gelet op physieke kracht
+dan op vaardigheid in 't roeien. Men gaat dan van 't denkbeeld uit,
+dat degenen, die men gekozen heeft om hunne sterke spieren, met eenige
+oefening zich een goeden stijl wel eigen zullen maken.
+
+Het is gemakkelijk aan te toonen dat deze wijze van handelen onjuist is,
+en wel om de eenvoudige reden dat de grondstelling waarvan men uitgaat,
+nl. dat ieder door oefening eene goede methode van roeien zich zal
+kunnen eigen maken, met de waarheid in strijd is. Er zijn er, die nooit
+leeren roeien, er zijn er ook, die slechts door langdurige oefening het
+tot op een zekere hoogte brengen.
+
+Daarom is het raadzaam in de 1e plaats te letten op den aanleg voor en
+de vaardigheid in 't roeien, en slechts in de 2e plaats in aanmerking te
+nemen de physieke kracht.
+
+Overigens is over de lichamelijke vereischten voor een roeier weinig
+te zeggen. Het spreekt van zelf dat goede longen en een normaal werkend
+hart onmisbaar zijn. Heeft men die niet, dan is zelfs eene proefneming
+om de vermoeienissen der training te doorstaan reeds gevaarlijk voor
+de gezondheid, terwijl de ploeg door het uittreden van een der leden
+gedupeerd is, daar men nu met een ander opnieuw zal moeten beginnen te
+oefenen.
+
+Twijfelt men daarom maar eenigszins aan de volkomene gezondheid van een
+der genoemde organen, dan doet men goed zich vooraf door een medicus te
+doen onderzoeken.
+
+Groote spierkracht, wij hebben het reeds gezegd, is geen
+hoofdvereischte. Tot bewijs van deze bewering beroepen wij ons op het
+feit dat zoovele groote roeiers van mindere lichaamskracht zich den baas
+hebben getoond van anderen, die over veel grooter physieke kracht konden
+beschikken. Een treffend voorbeeld is geweest ~Robert Coombes~, een man
+van zeer kleine gestalte en slechts 56¼ K.G. wegende, die in 1846 het
+Championnaat van Engeland won, en de eerste roeier van zijn tijd was.
+En nemen wij ~Hanlan~ zelf, welk verschil van lichaamskracht bestaat er
+niet tusschen hem en ~Trickett~, ~Laycock~, ~Ross~ en andere reuzen,
+die allen voor hem 't onderspit moesten delven. En ook onder de
+eerste amateurs kennen wij immers roeiers die, ten opzichte van hun
+lichaamskracht, niet boven 't middelmatige gingen, b. v. ~Mr. Lowndes~
+van Oxford, die eenige jaren het Championnaat van de Thames wist te
+veroveren.
+
+Maar hiermede willen wij geenszins aantoonen dat groote spierkracht van
+geen nut is. Zeker zal, wanneer bij 2 roeiers alle voordeelen gelijk
+zijn, de grootere kracht bij den één de schaal naar zijn kant doen
+overhellen. Maar ze is niet van zooveel gewicht als men over 't algemeen
+gelooft, en in geen geval kan ze in de plaats komen van 't gemis aan
+eene goede methode van roeien. Men zorge echter bij de keuze van roeiers
+niet gedecideerd zwakke personen te nemen, daar het noodig is dat ze
+gedurende elken slag op zich zelf den riem gemakkelijk door 't water
+halen; anders kan men niet verwachten dat ze diezelfde beweging
+honderden malen zullen kunnen herhalen.
+
+Aangeboren taaiheid strekt tot aanbeveling.
+
+Ook geeft eene lange, slanke gestalte een voordeel bij het roeien,
+omdat men dan om een even grooten slag te maken als door iemand van
+korter, meer ineengedrongen lichaamsbouw wordt gemaakt, zijn lichaam
+minder voorover en achterover behoeft te strekken, en dus vanzelf
+gemakkelijker roeit.
+
+Na de keuze der roeiers gaat men over tot de aanwijzing van ieders
+plaats in de boot. Hierbij zijn eenige regels in acht te nemen. Als
+slagroeier (_strokeman_, _chef de nage_, _Schlagmann_) kieze men den
+besten roeier, of hem, die door meerdere geoefendheid boven de anderen
+uitmunt. De slagroeier is 't, die de grootste verantwoordelijkheid in
+de boot draagt. Vertraagt hij zijn tempo, verliest zijn slag de noodige
+veerkracht, noodwendig moet dit terugwerken op de anderen, want ze
+moeten hem volgen, en al waren ze de beste roeiers der wereld, ze kunnen
+er niets aan doen.
+
+Ook zijn kalmte en koelbloedigheid zeer gewenschte eigenschappen in hem,
+om dezelfde reden, dat hij 't tempo moet aangeven. Een zenuwachtige slag
+heeft dikwijls een wedstrijd doen verliezen, evenals kalmte en beleid
+hem vaak doen winnen. Te gelegener tijd uitgevoerde „_spurtjes_“, het
+juist gebruik maken van zwakke oogenblikken van de tegenpartij, zijn
+dikwijls beslissend geweest op een race tusschen ongeveer gelijkstaande
+ploegen.
+
+In die oogenblikken is het de taak van de overige leden der ploeg, maar
+vooral van den 2en slagroeier, om oogenblikkelijk 't veranderd tempo
+te volgen; geen halve slag mag daardoor ongelijk worden, op 't zelfde
+oogenblik dat de slagroeier zijn tempo verandert, moeten de overigen dit
+als een elektrischen schok voelen; wij herhalen het, in de 1e plaats de
+2e slagroeier, want volgt hij niet, dan zullen alle stuurboordroeiers
+eveneens achterblijven; hij is als 't ware de slagroeier aan stuurboord.
+
+Bij de aanwijzing van ieders plaats komt 't gewicht in aanmerking. Het
+grootste gewicht moet in 't midden der boot gelegd worden, dus in een
+vierriemsgiek zijn 2e slagroeier en 2e boeg de zwaarste personen, zoo 't
+kan de 2e slag nog zwaarder dan de 2e boeg. De boeg (_bow_, _brigadier_,
+_Bug_) is de lichtste, terwijl de slagroeier minder gewicht moet hebben
+dan de twee in 't midden der boot gezetenen. De gewichtsverdeeling
+is echter niet van overwegend belang; stel dat iemand door zijn
+regelmatig tempo, etc., de meeste geschiktheid bezit als slagroeier,
+maar tevens de zwaarste van de ploeg is; dit laatste zal dan geen
+verhindering mogen zijn om hem als slag te doen plaats nemen. Eerst
+wanneer een tweede, wat die geschiktheid betreft, met hem gelijk staat,
+zal de gewichtsverdeeling in aanmerking mogen komen. 't Gewicht aan
+bakboord moet ongeveer gelijk zijn aan dat aan stuurboord; anders zou
+de boot naar één kant „overliggen“, hetgeen alleen verholpen kan worden
+doordat de stuurman meer naar den kant van 't minste gewicht gaat
+zitten. Behalve dat dit laatste nadeelig voor de boot is, heeft het nog
+dit inconvenient dat de stuurman bij de minste schommeling van de boot
+door wind of golven weer naar 't midden van zijn zitplaats zal glijden,
+in welk geval 't evenwicht weer verloren is.
+
+Een punt aan groot belang is dat de krachten aan stuurboord en aan
+bakboord zooveel mogelijk gelijk zijn, zoodat, wanneer 't roer
+losgelaten wordt, de boot eene rechte lijn volgt en geen van beide
+boorden, zooals 't heet, „_overgetrokken_“ wordt. Duidelijk is het,
+waarom.
+
+Trekt een van de boorden over, dan ziet de stuurman zich genoodzaakt
+voortdurend 't roer naar één kant om te halen, hetgeen met meer of
+mindere kracht voortdurend het vaartuig in zijn gang tegenhoudt.
+
+ * * * * *
+
+Zijn de roeiers gekozen, is ieders plaats in de boot aangewezen, de
+ploeg kan dan „_in training_“ gaan. De beteekenis van 't engelsche woord
+„_to train_“ is africhten; hij, die de handeling pleegt is _de trainer_.
+
+In Engeland is dit gewoonlijk een „_professional_“ (d. i. iemand, die
+van een zekeren tak van sport, in casu van 't roeien, zijn beroep, zijne
+broodwinning heeft gemaakt) of een gewezen _professional_, die in dienst
+treedt bij eene roeivereeniging, om de ploegen voor de wedstrijden af te
+richten, door hun, bij de oefeningen en bij hunne levenswijze met raad
+ter zijde te staan en het noodige toezicht over hen uit te oefenen.
+Ook in Duitschland is bij de groote roeivereenigingen de gewoonte om
+trainers in dienst te nemen, heerschende, en in Frankrijk en België niet
+onbekend.
+
+In Nederland echter heeft ze nog geen ingang gevonden, hier worden de
+jongere roeiers geoefend en getraineerd door hunne oudere collega's,
+leden of eereleden van de vereeniging. Het behoeft nauwelijks gezegd te
+worden dat eerstgenoemd gebruik veel voor heeft. De in dienst genomen
+trainers toch zijn niet alleen beproefde roeiers, of het geweest, maar
+bovendien menschen die er hun beroep van maken om de fouten in eens
+anders methode te ontdekken, en in de roeikunst onderwijs te geven. Dit
+nu is eene kunst op zich zelf.
+
+Het doel van de training is natuurlijk om de ploeg in den toestand
+te brengen waarin zij haar toppunt heeft bereikt, en de baan in den
+kortst mogelijken tijd aflegt. De engelschen zeggen dan dat men „_in
+condition_“ is.
+
+Daarvoor is noodig dat de roeiers reeds vóórdat de training begint, goed
+kunnen roeien. Het is een zeer verkeerd begrip, dat ze dat gedurende de
+training wel kunnen leeren. Daarvoor is de tijd te kort; men moet dan
+de laatste hand aan 't werk leggen, om zoo te zeggen, de puntjes op de
+i zetten. Het spreekt van zelf, dat vooral bij jonge roeiers gedurende
+de training de stijl zich aanmerkelijk nog zal verbeteren, maar men
+mag het daarop niet aan laten komen, ze moeten reeds vóór dien tijd
+geoefende roeiers zijn.
+
+De training dient: 1º. om van de verschillende roeiers één geheel te
+maken. Het is mogelijk dat ieder op zich zelf goed is, maar de ploeg
+slecht; 2º. om de taaiheid der spieren, de kracht der longen en het
+weerstandsvermogen van 't hart tot op 't maximum te brengen, dat ieder
+der roeiers voor zich bereiken kan.
+
+Om dit doel te bereiken, moet men zich dagelijks vele vermoeienissen
+getroosten, vele genietingen ontzeggen. Hieraan is 't dan ook toe te
+schrijven, dat zoo velen zich niet aan het régime willen onderwerpen.
+Want dat er zijn, die van de training weinig zouden verwachten, kunnen
+wij niet gelooven, wanneer de resultaten zoo helder aan den dag komen,
+niet alleen op 't gebied van de roeisport, maar ook van de andere takken
+van sport. Wanneer wij zien dat ~Axel Paulsen~, om wien te Leeuwarden
+op zijne oefeningen de Friezen, als spreeuwen om een kraai, cirkels
+beschreven, op den wedstrijd op de lange baan met glans overwon, wanneer
+wij hem bewonderen als hij op het laatst even hard rijdt als in 't
+begin, dan is 't onmogelijk dat wij in ernst over de training minachtend
+de schouders ophalen. Moeten wij niet veeleer denken aan gemis aan
+wilskracht, aan gemakzucht?
+
+In hem, die het wel aardig vindt aan een wedstrijd deel te nemen, en
+dit als een grap beschouwt, kunnen wij het verschoonen, dat hij zich
+niet aan de ontberingen wil onderwerpen, en zich niet al te veel moeite
+getroost. Maar den echten liefhebber van den sport strekt het tot
+schande!
+
+ * * * * *
+
+Welke zijn nu de middelen om het bovenomschreven doel te bereiken?
+Wanneer wij de handboeken over den roeisport opslaan in het hoofdstuk
+over de training, dan vinden wij daarin een overvloed van voorschriften,
+die in de kleinste bizonderheden de dagverdeeling en de levenswijze der
+roeiers in training aangeven. Behalve dat meestal hierdoor te weinig
+rekening wordt gehouden met 't verschil in lichaamsgesteldheid, in
+krachten, in gewoonten van de verschillende roeiers, heeft deze wijze
+van behandeling bovendien deze grove fout, dat de geheele regeling te
+bezwarend, ja onuitvoerbaar wordt. Het is daarom ons doel in de volgende
+regelen aan te geven eene wijze van training, die het minst mogelijk
+afwijkt van de dagverdeeling, levenswijze en gewoonten in Nederland
+in zwang. Ieder wijzige deze naar zijne bizondere bezigheden, die hem
+verhinderen haar juist te volgen, zooals ze hier zal worden aangegeven.
+
+Ter bevordering van de regelmaat zullen wij de in acht te nemen
+voorschriften in 3 cathegorieën verdeelen.
+
+In de eerste plaats komt in aanmerking _de oefening in de boot_.
+Noodzakelijk is 't hieraan de grootste zorg te besteden. Om het grootst
+mogelijke nut van deze oefeningen te trekken moet men ze niet te snel
+op elkander doen volgen. Twee oefeningen daags, ieder van 1½ uur, zijn
+wenschelijk, een des morgens en een des avonds (daar bij ons alle
+wedstrijden in den zomer plaats hebben). De slag zorge er voor, vooral
+in de eerste week der training, een niet te snel tempo aan te geven,
+maar zulk een, dat door allen gemakkelijk gevolgd kan worden. Men moet
+nog leeren gelijk roeien, men moet aan elkander gewennen en eenigszins
+dezelfde manier van roeien verkrijgen; daarvoor is 't vooral noodig dat
+men niet overhaast wordt. Gaat 't niet goed, dan is 't raadzaam om een
+oogenblik te rusten; in 't algemeen is 't wenschelijk op de oefeningen,
+na de helft van den afstand afgelegd te hebben, 10 min. of een kwartier
+te rusten. Men zal dan dikwijls bemerken, dat op den terugtocht beter
+geroeid wordt dan bij 't heengaan.
+
+Is er meer gelijkheid in de bewegingen van de roeiers gekomen, dan worde
+het tempo versneld, en sommige kleine afstanden mogen zelfs met groote
+krachtsinspanning geroeid worden.
+
+Men ga er echter niet te spoedig toe over een baan op tijd te roeien;
+dit bederft den stijl en vergt te veel van de krachten der roeiers.
+Eerst wanneer de roeiers aan elkaar gewoon zijn geraakt, en een paar
+weken van de training achter den rug zijn, dan mag er „_een baantje
+geroeid worden_.“ Maar dit mag niet te dikwijls herhaald worden, want
+eene lange oefening van 1½ uur is als regel veel beter.
+
+Het is o. i. nuttig dagelijks een „_start_“ te maken, en gedurende 1 of
+2 min. het versnelde tempo te behouden. Maar men beginne ook hiermede
+eerst nadat de ploeg eenige vorderingen gemaakt heeft.
+
+Overigens is er weinig te zeggen van de wijze waarop in de boot geoefend
+moet worden. Veel hangt af van de krachten der roeiers. Hiermede vooral
+moet de trainer te rade gaan, en ook de bemanning zelve moet beoordeelen
+hoeveel zij van haar krachten kan vergen.
+
+Maar wij wenschten toch, vooral voor jonge roeiers, een raad te geven:
+men denke niet dat hoe grooter de dagelijksche arbeid is, des te
+sterker de ploeg wordt, want het gevaar voor overspanning is dan
+groot. Werkelijk, 't is geen zeldzaam geval, dat men op 't einde van
+de training zwakker wordt, omdat men „overtrained“ is; en dit is dan
+meestal 't gevolg van 't overmatig baantjes roeien.
+
+De groote moeilijkheid, die zich bij de training voordoet, is juist
+deze, dat men moet ontwijken twee klippen, aan den eenen kant te slappe
+oefening, aan den anderen kant overspanning, in één woord, men moet
+nabij komen aan het maximum, dat van ieders krachten kan gevergd worden,
+zonder hem af te matten.
+
+Als tweede middel tot oefening van de spieren, maar vooral van hart en
+longen, diene het _hardloopen_.
+
+Ook hiervoor geldt natuurlijk de waarschuwing tegen overspanning. Men
+beginne daarom met slechts eenige minuten in kalmen draf te loopen,
+en telkens op te houden, wanneer de ademhaling te moeilijk wordt.
+Langzamerhand worden de afstanden grooter, en sommige daarvan met
+grooter snelheid afgelegd. Op deze wijze gebruike men des morgens daags
+een ½ uur. Maar deze oefening mag geen afbreuk doen op de oefening in de
+boot; zoodra men bemerkt dat men spoedig vermoeid wordt bij het roeien,
+moeten de oefeningen in het hardloopen ingekort worden.
+
+Zoowel door de oefening in de boot als door 't loopen verliest men 't
+overtollige vet. Dit is bevorderlijk voor de vrije werking van hart en
+longen, en ook van de spieren.
+
+Maar wij houden het voor bepaald nadeelig om nog bovendien kunstmatig te
+doen zweeten door b.v. na het hardloopen in bed onder de dekens te gaan
+liggen, waardoor de transpiratie nog eenigen tijd wordt voortgezet,
+zooals door sommigen (o. a. ~Victor Silberer~) wordt aangeraden. Op
+deze wijze verliest men krachten, zonder dat de spieren, zooals bij
+het natuurlijke zweeten 't geval is, door de gezonde oefening worden
+gestaald. Bovendien wordt door strenge training, op de wijze zooals
+hierboven is aangewezen, van zelf het vet tot een minimum
+teruggebracht.
+
+Tot de derde cathegorie brengen wij de regels en voorschriften omtrent
+de _levenswijze_ en het _dieet_ gedurende de training in acht te nemen.
+
+Eene geregelde levenswijze, vroeg naar bed en vroeg op, is eerste
+plicht. Het spreekt van zelf dat na den vermoeienden dagelijkschen
+arbeid het lichaam eene flinke rust noodig heeft. Veel hangt ook hier af
+van ieders gewoonte; een bepaald aantal uren is daarom niet als regel
+aan te geven, maar ieder zorge volkomen uitgerust des morgens op te
+staan, zonder nochtans uit luiheid na voldoenden slaap in bed te blijven
+liggen.
+
+Wat het te gebruiken voedsel betreft, zijn alle vet aanzettende spijzen
+verboden, en moeten de krachtige spieren vormende gerechten gezocht
+worden. Zoo zijn rundvleesch en des morgens bij 't ontbijt eieren
+als hoofdvoeding te gebruiken. Ook bladgroenten zijn aan te raden;
+daarentegen aardappelen, zetmeelinhoudende groenten, als boonen, erwten,
+enz. kortom alle meelspijzen af te raden.
+
+Ook vette kost, als varkensvleesch, en ook al te versch brood is
+nadeelig.
+
+Eene hoofdzaak bij de training is de onthouding van allerlei
+genietingen; maar tevens zijn de voorschriften hieromtrent gegeven, die,
+welke het meest overtreden worden, en waarbij men helaas! geneigd is
+groote toegevendheid jegens zich zelven te betoonen.
+
+Dat de omgang met het andere geslacht streng verboden is, laat zich
+gemakkelijk begrijpen. Vele krachtige sappen worden dan door het lichaam
+verloren, die het onmogelijk missen kan, want, wij hebben het reeds
+gezegd, dagelijks wordt het maximum krachtsinspanning van het lichaam
+gevorderd; en het is onzin te beweeren, dat men door wat meer voedende
+spijs te gebruiken de krachten kan herstellen, want ook de maag moet
+reeds het maximum arbeid verrichten, reeds zooveel voedsel wordt
+opgenomen, als mogelijk is zonder oververzadigd te worden.
+
+Dat 't gebruik van sterken drank en het rooken uiterst nadeelig is, het
+is eene algemeen bekende zaak; 't eerste omdat het 't bloed te snel in
+beweging brengt, het tweede omdat 't nadeelig op de longen werkt. Deze
+moeten zooveel mogelijk zuivere lucht inademen; vandaar ook dat 't aan
+te raden is, gedurende de training zooveel mogelijk in de open lucht te
+zijn.
+
+Bier is nog bovendien om deze reden verboden, omdat het vet aanzet.
+'t Gebruik van een enkel glas wijn, wij kunnen het eerder goed- dan
+afkeuren, vooral bij het middagmaal en dan aangelengd met een weinig
+water, omdat het in dezen vorm den dorst meer lescht dan zuiver water.
+
+Dikwijls ziet men roeiers in training na afloop van hunne oefeningen
+groote hoeveelheden water drinken; en dit is zeer begrijpelijk, omdat
+men door 't zweeten soms een bijna onlijdbaren dorst verkrijgt; en toch
+is 't zeer verkeerd daaraan zonder eenigen tegenstand toe te geven. Men
+drinke nooit een glas in één teug leeg; dit lescht den dorst niet, een
+oogenblik daarna gevoelt men weer bijna evenveel behoefte, en op deze
+wijze wordt de maag gevuld met plassen vloeibare stoffen, terwijl de
+beschikbare ruimte, om 't zoo uit te drukken, gebruikt had moeten worden
+tot opneming van krachtige spijzen. Een goede raad is 't om bij 't
+drinken slechts kleine slokjes van tijd tot tijd te nemen; op die manier
+wordt de dorst gestild door eene betrekkelijk kleine hoeveelheid. De
+ondervinding heeft ons zelf geleerd welk verrassend resultaat men door
+deze wijze van handelen kon verkrijgen. Gingen wij op eerstgenoemde
+wijze te werk, door met groote teugen te drinken, dan waren wij
+nauwelijks tevreden met 7 à 8 glazen water bij het middagmaal. Later
+zagen wij in dat dit nadeelig was, en bemerkten toen, dat door de
+hierboven aanbevolen methode reeds 3 glazen onzen dorst konden lesschen.
+
+De vraag, welke de duur van den trainingtijd moet zijn, is niet in 't
+algemeen te beantwoorden. Het hangt van verschillende omstandigheden af.
+In de eerste plaats van de lengte van de baan, die op den wedstrijd
+afgelegd moet worden. Is deze kort, dan kan men volstaan met een korter
+trainingtijd; is hij daarentegen lang, dan is ook eene langdurige
+training noodig om „_in conditie_“ te komen. Verder hangt de
+beantwoording van de vraag af van de meerdere of mindere geoefendheid
+der roeiers. Hebben deze reeds meermalen op wedstrijden medegedongen, en
+dus reeds meermalen eene training medegemaakt, dan zullen ze eerder in
+conditie zijn dan 't geval is met jonge roeiers, die voorzichtiger
+behandeld moeten worden, kalmer moeten beginnen, en daarom langer tijd
+noodig hebben. Onzes inziens zou als middelmaat kunnen dienen de tijd
+van 6 weken. Maar in alle geval moeten allen reeds voor de eigenlijke
+training geregeld eenigen tijd eene dagelijksche oefening hebben gehad,
+daar 't lichaam anders niet voldoende in staat is om plotseling zulk
+eene zware inspanning te verdragen. De overgang zou dan te schielijk
+zijn.
+
+ * * * * *
+
+Als slot van dit hoofdstuk laten wij volgen eene proeve van eene
+verdeeling van den dag voor roeiers in Nederland.
+
+Men staat 's morgens om zeven of acht uur op, al naar men de gewoonte
+heeft vroeg of laat zijne legerstede te verlaten. Het lichaam wordt met
+koud water geheel gewasschen, of zoo de gelegenheid open staat, even in
+'t water ondergedompeld, daarna met een ruwen handdoek hard afgewreven.
+
+Vóór het ontbijt nog gaat men dan ongeveer een half uur uit en begint
+zijne oefening in 't loopen op bovenvermelde wijze. Men mag zich echter
+vóór het ontbijt niet te veel vermoeien; daarom is het beter, zoo men
+den tijd heeft, om deze oefening zeer kort te maken, en haar in den
+middag te herhalen. Men zorge steeds voor deze oefening andere kleeren
+beschikbaar te stellen, die na afloop ervan uitgedaan worden, om 't
+lichaam met een ruwen doek af te wrijven en schoon te droogen. Na drooge
+kleeren aangetrokken te hebben, en toch vooral niet denzelfden flanellen
+borstrok, gebruikt men een stevig ontbijt.
+
+Tot 1 uur is men vrij; op dat uur begint de oefening in de boot, en deze
+duurt tot half drie.
+
+Om de lunch niet te kort hieraan te doen voorafgaan, beginne men er wat
+vroeger mee, dan men gewoon is, zoodat een uur minstens verloopt na
+afloop van de lunch vóór 't begin van de oefening. Het overige gedeelte
+van den namiddag is men vrij. Voor zoover deze vrije uren niet bezet
+zijn door bezigheden, waartoe men door zijn werkkring verplicht is,
+brenge men ze door in kalme beweging zooveel mogelijk in de open lucht.
+Liggen is in alle geval verkeerd.
+
+Na het diner begint om 7 uur of half acht de 2e oefening in de boot;
+deze duurt tot half 9 of 9 uur. Niet te kort voordat men zich te ruste
+begeeft wordt nog een matig avondmaal gebruikt, bestaande uit niet te
+zware spijzen; om half 11 of 11 uur gaat men ter ruste.
+
+Het zal niet voor iedereen mogelijk zijn deze dagverdeeling te volgen,
+maar, wij herhalen het, hij wijzige ze dan naar de eischen van zijne
+werkzaamheden, zooveel mogelijk echter zóó, dat de lichamelijke arbeid
+over den geheelen dag wordt verdeeld.
+
+Het komt ons voor dat wie, zooveel in zijn vermogen is, dezen leefregel
+volgt en daarbij de andere gegeven voorschriften nakomt, het onschatbare
+genoegen zal smaken dagelijks zijne vorderingen te bemerken, en telkens
+bij de oefeningen zich sterker en veerkrachtiger te gevoelen. Met
+zelfvoldoening zal hij op 't einde van de training kunnen terugzien op
+den zoo goed gebruikten tijd, waarin hij zijn lichaam gehard, zijne
+wilskracht gestaald en zijn levenslust opgewekt heeft. Met een kalm hart
+en een gerust geweten zal hij op den dag van den wedstrijd op de baan
+verschijnen, die voor hem wellicht roemvol zal worden!
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+ZESDE HOOFDSTUK.
+
+DE WEDSTRIJD (_race_, _course_, _rennen_).
+
+
+Eindelijk is dan de lang verwachte dag aangebroken, die door eene
+overwinning of eervolle nederlaag de kroon op het werk zal zetten.
+Velen zijn van meening, dat de roeiers op den dag vóór den wedstrijd
+denzelfden leefregel moeten volgen, dien zij den ganschen trainingtijd
+hebben gehad; dus de loopoefening, roeioefeningen, enz. ook dien dag
+waarnemen. Anderen raden aan, dat eene raceploeg dien dag in volkomen
+rust moet doorbrengen om op die wijze als 't ware dubbele krachten voor
+den wedstrijd zelf te verzamelen.
+
+Wij zijn het meer eens met de laatsten en kunnen deze methode bij
+ondervinding als de beste aanbevelen. Een eindje kalm roeien is dan
+goed, maar alle inspanning moet vermeden worden.
+
+Wat dus nog al eens in de laatste weken van dien tijd gedaan wordt,
+„_het zoogenaamde baantje roeien_“, mag op den dag vóór den wedstrijd
+volstrekt niet geschieden.
+
+Het beste is om alsdan met kalmen slag de baan een paar keeren af te
+roeien, zoowel voor den stuurman om zijn koers voor den volgenden dag
+vast te stellen, als voor de roeiers om zich te oriënteeren en aldus
+in staat te zijn gedurende den strijd hunne krachten verstandig te
+verdeelen.
+
+Op den voorgaanden dag dus nooit de roeiers afmatten!
+
+Twee uren vóór den aanvang van den wedstrijd gebruiken de roeiers een
+stevig, maar niet overvloedig maal, bestaande uit vleesch en eieren;
+en daar de wedstrijden bij ons te lande meestal te 1 ure aanvangen kan
+dit maal dus gevoeglijk als lunch gelden, en zal er een kop koffie bij
+kunnen gebruikt worden.
+
+De stuurman begeve zich intusschen, zoo hij dit den vorigen dag nog
+niet gedaan heeft, naar de regelingscommissie om alle noodzakelijke
+inlichtingen aangaande afgaan, baan, draaiboeien, passeeren der winboei,
+enz. te verkrijgen.
+
+Na dan een uurtje met praten te hebben doorgebracht, wordt het al
+spoedig tijd zich naar het terrein van den strijd te begeven, de boot
+te water te laten en een oogenblik met kalmen slag op en neer te roeien
+om de spieren wat lenig te maken.
+
+Daarna gaan de roeiers op een beschaduwd plekje zitten tot het nummer
+aan den seinpaal wordt geheschen, dat den wedstrijd aankondigt, waarin
+zij zullen mededingen. Mochten zij alsdan dorst of liever een droge keel
+hebben, zoo zal een slok spuitwater geen kwaad doen. Men moet echter
+op den dag van den wedstrijd niet drinken, zoo men er geen bepaalde
+behoefte aan heeft, en ook dan nog de kleinste hoeveelheden.
+
+De ploeg stapt dus in, zorgt dat de sliding-seats goed loopen; dat het
+stootleer van den riem goed, doch niet al te rijkelijk gesmeerd is; dat
+de spoorplank goed vastzit; dat de voetriem geen gevaar loopt te breken;
+dat de kleederen niet kunnen knellen, doch vrij en los om het lichaam
+zitten. Nauwlettendheid is hierbij noodig, daar op alle wedstrijden
+slechts ongevallen, die door de schuld van mededingers zijn veroorzaakt,
+recht tot reclame geven. De stuurman zorgt, dat zijne stuurlijnen niet
+doorgesleten zijn op het juk van het roer, dat zijn zitkussen stevig op
+den bank bevestigd is, zoodat hij er niet mede naar de zijden kan
+glijden.
+
+Hij bespreekt nog even met den slag eenige zaken, die zij op den vorigen
+dag hebben overgelegd b.v. welke theorie te volgen met het afgaan, welke
+draaiboei te nemen, zoo men de keus heeft, op welke punten spurts te
+maken, enz.
+
+En daar ligt dan de boot aan de afvaartsboei, wachtende op het schot.
+
+De stuurman heeft beide stuurlijnen in zijn eene, de afvaartsboei in de
+andere hand, gereed om deze los te laten zoodra het schot afgaat en dan
+de stuurlijnen terstond op de gewone wijze in handen te nemen.
+
+De roeiers moeten zwijgen en op elk woord van den stuurman letten, die
+natuurlijk zorgt de boot recht te houden in den voorgeschreven koers en
+daartoe nu bakboord dan stuurboord iets zal laten ophalen of strijken.
+
+De roeiers zien met voorovergebogen lichaam en gestrekte armen recht
+voor zich uit en hebben slechts op den slag te letten om tegelijk met
+hem te kunnen beginnen. Daartoe houden zij dan ook voortdurend het blad
+van den riem in het water.
+
+Wij herhalen het: de roeiers moeten letten op den slag en niet op het
+schot. Zoo allen op het hooren van het schot willen afgaan, zal de start
+nooit zoo regelmatig zijn, als wanneer zij slechts op den slag en op
+niets anders om zich heen letten.
+
+De slag vangt het schot op d. i. hij moet niet wachten, tot het schot
+heeft weerklonken, doch als 't ware tegelijk met het afgaan ervan zijn
+slag beginnen. Op dat oogenblik werpt de stuurman de afvaartsboei flink
+zijwaarts van zich af, zoodat deze in het water en niet in de boot
+terecht komt. Wij hebben meermalen gezien, dat de stuurman dat touw, aan
+het einde gewoonlijk van een stuk kurk voorzien, in plaats van in het
+water, achter zich in de boot wierp, waar het om een latje slingerde en
+de boot vasthield. De roeiers moesten dan eerst zich aftobben om door
+wanhopig rukken dat weerspannige touwtje of het latje waarom het zich
+gedraaid had, stuk te trekken, vóórdat zij zich op weg konden begeven.
+
+Wij behoeven niet te zeggen, hoe zulk een oogenschijnlijk klein en
+vergeeflijk verzuim van een stuurman een zes weken langen arbeid kan
+vruchteloos maken.
+
+Dus het schot heeft weerklonken en pijlsnel schiet de boot voorwaarts.
+Van dat oogenblik af hebben de roeiers slechts op den slag te letten;
+zoo hij het tempo versnelt, moeten zij hem hierin terstond volgen; zoo
+hij het aantal slagen vermindert, ook hierin één met hem zijn; van
+praten onder den wedstrijd mag geen sprake zijn; slechts de slag zal nu
+en dan aan den stuurman zijn wil door een wenk te kennen geven, zoodat
+deze laatste op elke beweging van den slag moet letten, geene vragen aan
+hem zal doen, waarop het antwoord uit eenige woorden moet bestaan, doch
+zijne vraag aldus inkleeden, dat een knik van den slag voldoend antwoord
+is.
+
+Op wedstrijden heeft ieder wel stuurlieden in functie gezien, die
+door ontzettend te schreeuwen hunne roeiers aanvuren en schor van die
+inspanning aan land stappen. Dat schreeuwen is natuurlijk tot niets
+nuttig en zal slechts den lachlust van het publiek kunnen opwekken. Wèl
+kan het kwaad doen: namelijk de roeiers reeds in het begin tot te groote
+inspanning verleiden, en niets is op een wedstrijd gevaarlijker dan dat.
+
+Daarom, stuurman, spreek kalm tot uwe roeiers. Het zullen natuurlijk
+meestal personen zijn, die gij goed kent, zoodat gij allicht weet, welke
+snaren in hun gemoed moeten worden aangeroerd om hun moed in te
+boezemen; en dan zal het wèl zooveel indruk maken, zoo gij hen dit kalm
+en flink toevoegt, dan indien gij met een rood gelaat als een bezetene
+zit te brullen en te springen.
+
+Thans nog het een en ander over het afgaan.
+
+Vraagt men, wat beter is: terstond alle krachten in te spannen om van
+den aanvang af de leiding op zich te nemen of in het begin niet al te
+veel „er op te zetten“, teneinde dan later te toonen wat men kan, zoo
+zouden wij hierop in het algemeen geen antwoord willen geven, maar wel
+na eerst de ploeg te hebben leeren kennen, waarvoor het gevraagd wordt.
+
+Eene ploeg, uit zenuwachtige personen bestaande, zal, zoo zij vóór is,
+al terstond rustiger gestemd worden en dus beter samenwerken. Voor
+zulke roeiers is het derhalve wel wenschelijk, om, zoo het niet al te
+veel inspanning moet kosten, reeds in den aanvang vóór te komen. Vooral
+voor jonge roeiers dus zal dit meestal verkieslijk zijn.
+
+Wat daarentegen ervaren, bedaarde roeiers betreft, die er zich in 't
+minst niet om bekommeren of zij aanvankelijk vóór of achter zijn, die
+met een glimlach toezien hoe hunne tegenstanders in woeste vaart hen
+voorbijvliegen en hunne krachten in het begin verspillen, zulke roeiers
+zouden wij altijd aanraden flink maar kalm af te gaan.
+
+Wij hebben eene bepaalde baan steeds in korteren tijd afgelegd, wanneer
+wij bedaard vertrokken en al ons kunnen in het laatste gedeelte legden,
+dan zoo wij hard afgingen en de baan, naar ons gevoel althans, toch ook
+konden uitroeien.
+
+Het spreekt van zelf, dat ook dat kalm afgaan en krachten sparen voor
+het laatst niet moet overdreven worden. Ook dan kan men in een fout
+vervallen, die de overwinning kosten kan.
+
+Op de verstandige verdeeling der krachten komt dus veel aan.
+
+In andere landen zijn meestal alle roeivereenigingen tot een bond
+vereenigd, die reglementen voor wedstrijden vaststellen, welke dus voor
+al die vereenigingen bindend zijn. Bij ons is dit niet het geval, en
+laat elke vereeniging, die een wedstrijd uitschrijft, op het programma
+tevens de voor dien wedstrijd geldende bepalingen drukken.
+
+Het is misschien wenschelijk, dat de jaarlijksche vergadering te
+Amsterdam dit punt eens op haar programma plaatste, n.l. het vaststellen
+van een reglement voor roeiwedstrijden, uitgeschreven door nederlandsche
+R. of Z. vereenigingen.
+
+Eenige bepalingen, die algemeen zijn aangenomen, vindt men op elk
+programma terug, o. a. hetgeen wij over het recht tot reclame zeiden.
+
+Op een paar willen wij nog wijzen:
+
+Een roeier wordt _junior_ genoemd, wanneer hij vóór den 1sten Januari
+van dat jaar nog geen eersten prijs heeft gewonnen, of slechts op
+wedstrijden tusschen leden eener zelfde vereeniging of matches
+(wedstrijden tusschen twee particulieren tengevolge eener uitdaging).
+
+Behaalt een roeier een eersten prijs tegen een of meer vereenigingen,
+zoo wordt hij met ingang van het volgende jaar _senior_ en mag nooit
+meer op wedstrijden, uitgeschreven voor juniores, uitkomen.
+
+In België geldt echter de bepaling, dat men slechts door het winnen van
+een eersten prijs op een _internationalen_ wedstrijd senior wordt.
+Nationale wedstrijden noemen zij _courses d'entraînement_.
+
+Oarsmen en scullers vormen twee op zich zelf staande groepen, zoodat een
+prijs door een oarsman behaald, den winner wèl als oarsman doch niet
+als sculler senior maakt; en zoo omgekeerd.
+
+Wij laten nog als slot volgen een _concept algemeen reglement voor
+wedstrijden_:
+
+1. Het sein van afvaart wordt door den „starter“ gegeven, nadat deze
+zich verzekerd heeft, dat alle mededingende partijen gereed zijn.
+
+2. Indien de starter van oordeel is dat eenige onregelmatigheid
+heeft plaats gehad bij de afvaart, dan zal hij dadelijk de partijen
+terugroepen; elke partij, die weigert een tweede maal af te gaan, zal
+buiten mededinging worden gesteld.
+
+3. Elke partij, die niet op 't bepaalde sein binnen den voor den
+wedstrijd vooraf bepaalden tijd aan de afvaartsboei verschijnt, kan
+buiten mededinging worden gesteld.
+
+4. Bij loting wordt aan iedere partij hare boei van omvaart aangewezen.
+
+5. Iedere partij moet gedurende de geheele baan in haar eigen vaarwater
+blijven. Begeeft zij zich in een anders water, dan geschiedt dit op haar
+eigen risico; met ieders water wordt bedoeld die lijn recht voor zich
+uit, die evenwijdig loopt met den koers van de andere booten tot aan de
+winboei toe.
+
+6. De partij, door wier schuld aanvaring of averij ontstaat, verliest
+alle aanspraak op den prijs, tenzij de scheidsrechter, wegens het
+onbeduidende er van, anders mocht beslissen.
+
+7. Averij, niet door toedoen van mededingers geschied, geeft geen recht
+tot reclame.
+
+8. In geval van aanvaring kan de scheidsrechter beslissen, dat de
+mededingende partijen behalve die, door wier schuld de aanvaring is
+geschied, nogmaals op denzelfden dag of op een nader bepaalden anderen
+dag de geheele baan tegen elkander roeien.
+
+9. Alle geschillen betreffende den race, van de afvaart af tot aan de
+aankomst aan de winboei worden beslist in hoogste instantie door den
+Scheidsrechter of door eene Jury, bestaande uit een oneven aantal leden.
+Reclames moeten dadelijk na aankomst worden ingediend.
+
+10. De beslissing, welke partij 't eerst de winboei bereike, komt toe
+aan een op die hoogte geposteerden persoon.
+
+11. De leiding van den wedstrijd is opgedragen aan eene afzonderlijke
+commissie, die de volgorde van het programma bepaalt, vaststelt over
+welke zijde de booten om de boei van omvaart moeten gaan, en de
+stuurlieden de noodige aanwijzingen geeft.
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+ +--------------------------------------------------------+
+ | |
+ | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: |
+ | |
+ | De volgende correcties zijn in de tekst aangebracht: |
+ | |
+ | Bron (B:) — Correctie (C:) |
+ | |
+ | B: flotte de César Paris, |
+ | C: flotte de César, Paris, |
+ | B: en het _Chapionship_ van geheel Amerika, |
+ | C: en het _Championship_ van geheel Amerika, |
+ | B: vloeide het engelschegoud |
+ | C: vloeide het engelsche goud |
+ | B: en het _Campionship of the World_ |
+ | C: en het _Championship of the World_ |
+ | B: Moon, Magdalen Coll., Oxford |
+ | C: Moon, Magdalen Coll., Oxford. |
+ | B: 1861 Putney–Morlake. |
+ | C: 1861 Putney–Mortlake. |
+ | B: 1885 RowingClub 5 L. |
+ | C: 1885 Rowing Club 5 L. |
+ | B: 1885 M. Chaudoir „ |
+ | C: 1885 M. Chaudoir, „ |
+ | B: Messenger) P. M. 24′ 30′ |
+ | C: Messenger) P. M. 24′ 30″ |
+ | B: Boyd) op de Tyne foul |
+ | C: Boyd) op de Tyne foul. |
+ | B: aan de _ontriggers_ werden aangebracht. |
+ | C: aan de _outriggers_ werden aangebracht. |
+ | B: _swivling-rowlocks_ vervangen, en |
+ | C: _swiveling-rowlocks_ vervangen, en |
+ | B: (_filling_, _Dullenlager of |
+ | C: (_filling_, _Dullenlager_ of |
+ | B: Fütterung_). |
+ | C: _Fütterung_). |
+ | B: Dossunet~ te Joinville-le Pont |
+ | C: Dossunet~ te Joinville-le-Pont |
+ | B: prijsverhooging bij ~Deichman~ en |
+ | C: prijsverhooging bij ~Deichmann~ en |
+ | B: _Jui ste greep._ Fig. 6. |
+ | C: _Juiste greep._ Fig. 6. |
+ | B: dat 't lichaam op nieuw naar voren |
+ | C: dat 't lichaam opnieuw naar voren |
+ | B: Plotsing kan zich iets |
+ | C: Plotseling kan zich iets |
+ | B: borst te trekken, en begine |
+ | C: borst te trekken, en beginne |
+ | B: lift at the beginniug_“, |
+ | C: lift at the beginning_“, |
+ | B: slidingseat blijft op dezelfde |
+ | C: sliding-seat blijft op dezelfde |
+ | B: 2º, Catching the water |
+ | C: 2º. Catching the water |
+ | B: wind of stroom onmiddelijk partij weet |
+ | C: wind of stroom onmiddellijk partij weet |
+ | B: voorschriftenin 3 cathegorieën |
+ | C: voorschriften in 3 cathegorieën |
+ | B: starter van oordeel, is dat |
+ | C: starter van oordeel is dat |
+ | |
+ +--------------------------------------------------------+
+
+
+
+
+
+End of the Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by
+Pieter Helbert Damsté and Frans Eduard Pels Rijcken
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT ***
+
+***** This file should be named 39035-0.txt or 39035-0.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/3/9/0/3/39035/
+
+Produced by The Online Distributed Proofreading Team at
+http://www.pgdp.net
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
diff --git a/39035-0.zip b/39035-0.zip
new file mode 100644
index 0000000..1c890b1
--- /dev/null
+++ b/39035-0.zip
Binary files differ
diff --git a/39035-8.txt b/39035-8.txt
new file mode 100644
index 0000000..48a2dcd
--- /dev/null
+++ b/39035-8.txt
@@ -0,0 +1,3974 @@
+The Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by
+Pieter Helbert Damst and Frans Eduard Pels Rijcken
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Nederlandsch handboek voor roeisport
+
+Author: Pieter Helbert Damst
+ Frans Eduard Pels Rijcken
+
+Release Date: March 3, 2012 [EBook #39035]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT ***
+
+
+
+
+Produced by The Online Distributed Proofreading Team at
+http://www.pgdp.net
+
+
+
+
+
+ +----------------------------------------------------------------+
+ | |
+ | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: |
+ | |
+ | De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, |
+ | verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te |
+ | moderniseren. |
+ | |
+ | Bladzijde-nummering is verwijderd. Afgebroken woorden aan het |
+ | einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Voetnoten zijn |
+ | verplaatst naar het eind van de alinea met de verwijzing. |
+ | |
+ | De in het origineel als cursieve tekst is weergegeven als |
+ | _cursief_. Uitgespatieerde tekst is weergegeven als |
+ | ~uitgespatieerd~. |
+ | |
+ | Overduidelijke druk- en spelfouten in het origineel zijn |
+ | gecorrigeerd. Variaties in spelling zijn behouden: met/zonder |
+ | accent, met/zonder koppelteken, met/zonder hoofdletter, |
+ | met/zonder extra spatie). Bij het Kampioenschap van Nederland |
+ | (blz. 33) zijn in de bron geen uitslagen vermeld. |
+ | |
+ | Aan het eind van het boek volgt een overzicht van de |
+ | aangebrachte correcties. |
+ | |
+ | De illustraties zijn beschikbaar bij de html-versie van dit |
+ | e-boek op http://www.gutenberg.org/ |
+ | |
+ +----------------------------------------------------------------+
+
+
+
+
+ NEDERLANDSCH HANDBOEK
+
+ VOOR
+
+ ROEISPORT.
+
+
+[Illustratie: "Sans nom" op de Race van 8 Juni, 1884, bij Leiden.]
+
+
+
+
+ NEDERLANDSCH
+ HANDBOEK
+ VOOR
+ ~ROEISPORT~
+
+ DOOR
+
+
+ DR. P. H. DAMST
+ EN
+ F. E. PELS RIJCKEN,
+
+ Eereleden van de Leidsche Stud. R. V. "Njord".
+
+
+ AMSTERDAM,
+ ~H. G. BOM.~
+ (Warmoesstraat 35.)
+
+
+
+
+INHOUD.
+
+
+ Blz.
+
+ VOORREDE.
+
+ I. GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT 1
+
+ Uitslag van wedstrijden 27
+
+ II. DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN 36
+
+ 1. De boot 36
+
+ 2. Onderdeelen der boot 41
+
+ III. HET ROEIEN 57
+
+ 1. Algemeene opmerkingen 57
+
+ 2. De eerste beginselen van de roeikunst 61
+
+ 3. Nadere behandeling van sommige punten 74
+
+ 4. Het scullen 93
+
+ IV. HET STUREN EN DE STUURMAN 102
+
+ V. DE TRAINING 109
+
+ VI. DE WEDSTRIJD 127
+
+
+
+
+VOORREDE.
+
+
+Hoezeer wij volkomen bewust waren van het gewicht der taak die wij op
+onze schouders laadden, toen wij het voornemen opvatten eene handleiding
+voor Roeisport te geven, en dus eenigen schroom gevoelden, vrdat
+wij den arbeid aanvingen, zoo heeft toch de liefde voor den Roeisport
+dusdanig bij ons overgewogen, dat wij ons over dien schroom hebben
+kunnen heenzetten.
+
+De Engelschen toch hebben hun ~Bradford Woodgate~, de Franschen bezigen
+hiervan eene vertaling, in Duitschland verscheen onlangs een nieuwe druk
+van ~Silberer~'s "_Handbuch des Rudersport_," doch de nederlandsche
+roeiers moesten zich met een dier buitenlandsche werkjes behelpen.
+
+Wij weten zelven te goed, dat het boekje, dat wij hierbij aan de
+nederlandsche roeiers aanbieden, verre van volledig is en vele gebreken
+heeft, dan dat wij ons zouden inbeelden daardoor de zoo lang gevoelde
+leemte op voldoende wijze aan te vullen. Maar wij gelooven, dat ook in
+deze zaak veel op het doel moet worden gelet.
+
+Immers met eene vertaling van een der vreemde handboeken zouden onze
+roeiers al zeer weinig gebaat zijn. Er moet rekening worden gehouden met
+toestanden en gewoonten, die bij ons anders zijn dan in den vreemde.
+
+Daarom hebben wij den eersten stap gedaan om, uit eigen ervaring
+puttend, eene nederlandsche handleiding samen te stellen.
+
+Het is natuurlijk, dat wij ons daarbij meermalen tot buitenlandsche
+schrijvers hebben gewend, en daaraan vele bizonderheden ontleend.
+
+Evenmin zal men ons het recht ontzeggen om dr, waar wij eene andere
+meening dan de hunne waren toegedaan, onze eigenen weg te bewandelen.
+Wij hebben steeds onze opinie, waar deze van die anderen verschilt,
+uitvoerig verdedigd, zoodat de lezer, na beide zijden gehoord te hebben,
+zijne keuze kan vestigen.
+
+Op verschillende plaatsen, maar voornamelijk waar gehandeld wordt over
+de boot en hare onderdeelen, hebben wij de engelsche, fransche en
+duitsche benamingen, voorzoover wij ze konden te weten komen, gevoegd
+achter de nederlandsche, daar het ons voorkwam, dat deze opgave van
+eenig nut kan zijn bij de correspondentie met engelsche, fransche en
+duitsche bootbouwers.
+
+Overigens hebben wij naar aanleiding van de volgende bladzijden weinig
+meer te zeggen. Al roept de lezer, na de vrucht onzer overpeinzingen
+te hebben doorloopen, nog niet uit: "_la vie sans canotage est une
+absurdit_," zoo hopen wij toch door onzen arbeid iets te mogen
+bijdragen tot het opwekken van de liefde voor den edelen roeisport
+in ons dierbaar vaderland!
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+EERSTE HOOFDSTUK.
+
+GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT.
+
+
+Het komt ons voor, dat aan het begin van eene handleiding over de
+theorie van het roeien eene korte uiteenzetting van de geschiedenis
+dezer schoone lichaamsbeweging niet mag gemist worden.
+
+Hierbij zouden wij echter in het duister rondtasten, zoo wij naar
+bronnen gingen zoeken om daaruit het ontstaan en de geleidelijke
+ontwikkeling na te gaan; slechts eene dorre, kale vlakte zou zich aan
+den navorscher voordoen.
+
+Maar er zijn oasen in die woestijn.
+
+Die oasen zijn de roeiwedstrijden. Deze zijn reeds in oude tijden
+zorgvuldig opgeteekend, hetzij als wetenswaardigheden in bestovene
+kronieken of als zangen van bewonderende dichters. En zoo kan de
+geschiedschrijver, van wedstrijd tot wedstrijd gaande, de vorderingen
+opmerken, die in de duistere tusschenruimten zijn gemaakt, en daaruit
+zijne gevolgtrekkingen met zekerheid maken.
+
+De wedstrijden dus zijn onze bronnen. Hoe en wanneer nu zijn deze
+ingesteld?
+
+Zoodra vele menschen eene kunst gaan beoefenen, zal het niet lang duren
+of zij zullen gaan beproeven, wie hunner het daarin wel het verst heeft
+gebracht. Eerst zal zulk een proef misschien eens bij toeval worden
+genomen, doch weldra vindt de zaak bij meerderen bijval, die door de
+begeerte naar eer en roem worden aangetrokken, en alras worden vaste
+dagen of feesten voor die proefnemingen vastgesteld.
+
+Zoo ontstonden wedstrijden en zoo ontstonden prijsvragen.
+
+Zoolang dus de menschen reeds geroeid hebben, zoolang bestaan ook reeds
+de roeiwedstrijden.
+
+Zonder eenigen grond wordt het roeien door ~Victor Silberer~ in zijn
+"_Handbuch des Rudersport_" "een kind van den nieuweren tijd" genoemd
+en gezegd, dat er geene bewijzen zijn voor de onderstelling, dat reeds
+bij de oude volken wedstrijden in het roeien gehouden zijn. Immers
+~Virgilius~ schildert in het 5de boek zijner _Aeneis_ een roeiwedstrijd
+op meesterlijke wijze, en, wat meer zegt, reeds de grijze ~Homerus~
+verkondigt in de _Odyssea_ herhaaldelijk den lof, dien de _Phaeaces_
+met de riemen hebben behaald!
+
+Maar het zou ons te ver voeren, de roeikunst van die oude tijden af na
+te gaan. Hen, die daarin belangstellen, verwijzen wij naar het werkje
+van den franschen ingenieur ~Aug. Jal~: _la flotte de Csar, Paris,
+Didot,_ 1861.
+
+Dezelfde schrijver heeft zich ook door zijne "_Archologie navale_"
+en "_Glossaire nautique_" verdienstelijk gemaakt ten opzichte van het
+zeewezen in de middeleeuwen.
+
+De oudste in Engeland bekende roeiwedstrijd is de sculler-race om
+"_Doggett's Coat and Badge_," die in 1715 door den tooneelspeler ~Mr.
+Thomas Doggett~ werd ingesteld en nog telken jare op den 1sten Augustus
+wordt gehouden op de Thames van London-bridge tot Chelsea. Slechts
+aan jonge "_watermen_" (schippers), die hun leertijd juist hebben
+uitgediend, is het veroorloofd naar den prijs te dingen. Deze bestaat
+uit eene roode jas en zilveren medaille, waaraan door de londensche
+visschersvereeniging nog eene som gelds is toegevoegd. Daar slechts
+zes roeiers aan den wedstrijd mogen deelnemen, wordt, zoo zich
+meerdere mededingers hebben aangemeld, door voorafgaande wedstrijden
+(_trial-heats_, _Versuchsrennen_) uitgemaakt, welke zes deze eer waardig
+zijn.
+
+Vele wedstrijden, in daarop volgende jaren gehouden, zijn van minder
+belang.
+
+Reeds in 1815 vinden wij onderlinge wedstrijden tusschen verschillende
+colleges van Oxford vermeld in achtriemsgieken; in Cambridge werd
+hierin voor het eerst geroeid in 1826.
+
+Van de ongeveer driehonderd wedstrijden, die jaarlijks in Engeland
+gehouden worden, is die in achtriemsgieken tusschen de studenten van
+Oxford en Cambridge zeker wel de meest bekende. In 1829 had deze kamp
+voor het eerst plaats, en nu wordt reeds sedert eene reeks van jaren
+jaarlijks vr de Paaschvacantie door geheel Engeland met spanning de
+dag verwacht, waarop het donkerblauw van Oxford en het lichtblauw van
+Cambridge op de 6838 M. lange baan van Putney naar Mortlake op de Thames
+naar den prijs zullen dingen. Reeds 43 malen is die strijd gestreden,
+waarin Oxford een viertal overwinningen op de tegenpartij vr heeft.
+Aan Cambridge komt echter de eer toe het beste record te hebben behaald
+nl. in 1873 (tevens het eerste jaar, waarin de _sliding-seat_ werd
+gebruikt), toen de ~Cantabs~ in 19{~PRIME~} 35{~DOUBLE PRIME~} de overwinning behaalden.
+Vermelding verdient ook het jaar 1877, waarin de strijd onbeslist bleef,
+daar beide booten tegelijkertijd de winning-post bereikten: op eene zoo
+lange baan voorwaar eene groote zeldzaamheid!
+
+Een eigenaardig feest vond den 7den April 1881 te London plaats. Men
+vierde toen het vijftigste verjaarfeest der _University-race_, waaraan
+200 personen deelnamen van de 485, die hetzij als roeiers of als
+stuurlieden van 1829 af tot op den feestdag toe aan dien wedstrijd
+hadden deelgenomen. Als aandenken aan dien dag hebben de H.H. ~Treherne~
+en ~Goldie~ een boek uitgegeven in slechts 250 exemplaren, dat door ~Mr.
+W. Spottiswoode~, die in 1845 tot de Oxford-ploeg behoorde, gedrukt is.
+Het is van fraaie afbeeldingen voorzien en bevat eene beschrijving, niet
+slechts van den feestdag, maar ook van alle _University-races_, die van
+1829 tot 1880 hebben plaats gehad. Tevens geeft het een onderhoudend
+verhaal van de verdere loopbaan der roeiers. Uit de statistiek blijkt,
+dat de sterfte onder de raceroeiers geringer is dan gewoonlijk. Derhalve
+de hand aan de riemen, levenslustigen!
+
+Na de _Varsity_ (zooals het volk den Universiteitswedstrijd noemt),
+die telken jare het roeiseizoen opent, volgt in belangrijkheid de
+_Henley-Royal-Regatta_, in 1839 gesticht. Dit is het grootste nationale
+roeifeest in Engeland, dat meerdere dagen duurt en wedstrijden in
+allerlei gieken te aanschouwen geeft. Als het gloriepunt geldt echter
+steeds de "_race for the diamond challenge sculls_," daar de winner
+van de gouden, door een grooten diamant verbondene sculls tevens als de
+_champion-sculler_ van Europa wordt beschouwd. Verscheidene malen hebben
+duitsche en fransche scullers er aan deelgenomen, maar nog nimmer is het
+hun mogen gelukken de sculls aan de Engelschen te ontrukken.
+
+Nadat te Henley gebleken is, wie op de korte baan van 2100 M. de beste
+sculler is, kan deze eenige dagen daarna op de Thames zijne krachten op
+de lange baan beproeven, en wel op den wedstrijd "_for the Wingfield
+sculls and the amateur Championship of the Thames_," die jaarlijks op
+de Putney-Mortlake baan wordt gehouden om een paar zilveren sculls,
+welke in 1830 door ~Mr. H. C. Wingfield~ zijn geschonken.
+
+Na aldus de drie belangrijkste wedstrijden in Engeland genoemd te
+hebben, willen wij ook over andere landen het een en ander zeggen.
+En dan verdient in de eerste plaats Duitschland genoemd te worden,
+daar in geen ander land het roeien in de laatste jaren z in bloei
+is toegenomen als dr. Het aantal roeivereenigingen wordt nog steeds
+grooter, de wedstrijden jaarlijks menigvuldiger, de deelneming
+voortdurend drukker.
+
+Dat verschijnsel is te verklaren, wanneer wij zien, hoe personen van
+het vorstelijk huis van hunne belangstelling doen blijken door hunne
+tegenwoordigheid op wedstrijden, door het uitloven van prijzen en--door
+zelven aan den roeisport een werkzaam aandeel te nemen.
+
+Ook komt de eer van dien vooruitgang voor een groot gedeelte toe aan
+het in 1883 opgerichte weekblad, de "_Wassersport_", door ~Carl Otto~
+te Berlin uitgegeven. Sedert alle roeivereenigingen van het duitsche
+rijk in datzelfde jaar tot den "_Deutschen Ruderverband_" toetraden en
+genoemd blad tot haar officiel orgaan verklaarden, heeft het steeds
+zijne lezers op de hoogte gehouden van alle gewichtige feiten, die op
+dat gebied voorvielen, en hoogst belangrijke beschouwingen over het
+roeien in zijne kolommen te genieten gegeven. Wij raden dan ook alle
+vereenigingen, die op de hoogte willen blijven van den roeisport in het
+buitenland, ten zeerste aan om dit blad in het clubgebouw ter lezing te
+leggen.
+
+Op overwinningen tegen buitenlanders kunnen de duitsche roeiers zich
+niet zeer beroemen. Hoewel zij in ~Achilles Wild~, die reeds drie jaren
+"_die Meisterschaft von Deutschland_" heeft veroverd en haar slechts
+ns door een ongeluk aan een ander heeft moeten afstaan, een goed
+sculler bezitten, zoo is deze in Engeland nog steeds verslagen.
+
+Men moet het in de Frankforter R. G. "_Germania_" toch op prijs stellen,
+dat zij de energie hebben zich met de Engelschen te gaan meten. In 1880
+dong een achtriems van deze club te Henley mede naar den prijs, in 1881
+en 1883 ~Wild~ in de sculling, terwijl in 1884 ~Dr. W. R. Patton~ van
+de Clner R. C. en ~J. Bungert~ van de Mannheimer R. C. hunne krachten
+aldaar beproefden. Alles tevergeefs: de _diamond sculls_ zijn in
+Engeland gebleven en het eenige succes, waarop de Duitschers zich
+beroemen kunnen, is, dat ~Wild~ den champion van Frankrijk, die ook
+deelnam, heeft verslagen.
+
+En dat zegt veel: want ~Lein~ heeft zich als sculler een goeden naam
+verworven en gedurende acht jaren den titel "_Champion de France_"
+gevoerd.
+
+In 1883 nam de _Club Nautique de Gand_ aan verscheidene nummers van den
+grooten wedstrijd te Frankfort deel en behaalde bij allen den eersten
+prijs.
+
+Jammer is het, dat de haat tegen de Duitschers zich bij de Franschen tot
+in den sport heeft vastgeworteld: een paar voorbeelden hiervan willen
+wij mededeelen.
+
+Een Berlijner had aan een bootbouwer te Parijs eenige teekeningen
+besteld, welke deze in verschillende sportbladen had geadverteerd. In
+plaats van de gevraagde platen ontving de Duitscher een brief met de
+mededeeling, dat de schrijver als oud-kavallerist dacht deel te nemen
+aan het innemen van Berlijn en dan meteen de teekeningen zou
+medebrengen.
+
+Eenige jaren geleden lieten twee duitsche scullers zich inschrijven voor
+het championnaat van Frankrijk, dat internationaal is. Zij werden echter
+door het komitee afgewezen op grond, dat het voor de handelingen van het
+plebs van Parijs niet kon instaan bij eene mogelijke overwinning van een
+Duitscher.
+
+Wij herhalen het: jammer, dat zelfs de sport onder de politiek lijden
+moet!
+
+De Franschen hebben, behalve den wedstrijd om het championnaat, nog
+een roeifeest, dat even als de _university-race_ in Engeland, duizende
+toeschouwers lokt: dit is de "_match annuel en outrigger huit
+rameurs_" tusschen de _Rowing Club_ en de _Socit Nautique de la
+Marne_.
+
+De club, die tegenwoordig in Frankrijk wel het meest van zich doet
+hooren, is de _Cercle de l'Aviron_ te Parijs. Jaarlijks ondernemen de
+roeiers van die vereeniging tallooze tochten naar Belgi, Itali en
+Zwitserland, en hunne jaarverslagen wijzen telken jare geheele lijsten
+van overwinningen aan.
+
+Zoo zien wij, dat ook in Frankrijk de roeisport vooruitgaat en in eere
+is. Voorwaar een verblijdend verschijnsel, als wij weten, dat aldaar
+vroeger het woord "_canotier_" een scheldnaam was, gelijkstaande met
+"_leeglooper_", "_deugniet_" en dergelijke lieflijkheden. Dit verhaalt
+ons tenminste de schrijver van het werkje, dat den tocht van drie
+fransche roeiers door Nederland beschrijft, en dat ieder met genoegen
+zal lezen. Het draagt tot titel "_En canot de Douai au Helder_" en is
+in 1880 te Parijs uitgegeven.
+
+In Belgi ziet het er, zoo men de bladen op dat gebied aldaar moet
+gelooven, in de roeiwereld tegenwoordig niet zoo rooskleurig uit.
+Fransche en nederlandsche ploegen hebben zich in de laatste jaren
+herhaaldelijk de meerderen in het roeien betoond op wedstrijden, waaraan
+Belgen deelnamen. Maar wat erger is en noodwendig belemmerend op den
+vooruitgang van den sport in dat land moet werken: er heerscht tusschen
+de vereenigingen geen vriendschappelijke geest; vooral de brusselsche
+roeiclubs zijn voortdurend met elkaar op een gespannen voet.
+
+Gent was in de laatste jaren steeds aan het hoofd bij wedstrijden en
+hare roeiers waren alom gevreesd, doch ook de _Club Nautique Gantois_
+deed in 1885 weinig meer van zich hooren.
+
+Moge daar in dien toestand spoedig verbetering komen! Er zijn althans
+mannen genoeg, die zich alle mogelijke moeite geven tot verheffing van
+den edelen roeisport.
+
+Ene zaak is er, die, onzes inziens, zoowel in Frankrijk als in Belgi
+een nadeeligen invloed zal uitoefenen. Wij bedoelen de gewoonte, dat
+raceroeiers de prijzen, die zij behalen, zelven behouden, daar zij
+ook zelven hunne racebooten moeten aanschaffen en voor eigen kosten de
+wedstrijden mogen bezoeken. Deze instelling moet slecht werken, daar eer
+en onbaatzuchtigheid dikwijls zullen moeten plaats maken voor winstbejag
+en hebzucht.
+
+Alles, wat wij tot dusver hebben medegedeeld, betrof slechts amateurs
+d. w. z. roeiers, die het roeien slechts uit liefhebberij beoefenen en
+er geene broodwinning van maken. Dat is nu wel zeer kort gezegd, maar
+toch is er heel wat papier verbruikt, vrdat men het ns was over
+de definitie; tenminste in landen waar eene grens tusschen amateurs
+en professionals of roeiers van beroep noodig was: want in Nederland
+bestaat eene zoodanige definitie niet, omdat zij tot nog toe niet
+noodig is geweest. Wij laten de definities, die in Engeland, Frankrijk
+en Duitschland zijn aangenomen, hier volgen.
+
+_Definition of an Amateur._
+
+ "An amateur oarsman or sculler must be an officer of Her
+ Majesty's army or navy or civil service, a member of the liberal
+ professions, or of the Universities or Public schools, or of any
+ established Boat- or Rowing-Club not containing mechanics or
+ professionals; and must not have competed in any competition for
+ either a stake, or money, or entrance-fee, or with or against
+ a professional for any prize; nor have ever taught, pursued,
+ or assisted in the pursuit of athletic exercises of any kind
+ as a means of livelihood; nor have ever been employed in or
+ about boats or in manual labour; nor be a mechanic, artisan,
+ or labourer."
+
+_Henley Definition. April 8, 1879._
+
+ "No person shall be considered an amateur oarsman or sculler:
+ First, who has ever competed in any open competition for a stake,
+ money, or entrance fee; secondly, who has ever competed with
+ or against a professional for any prize; thirdly, who has ever
+ taught, pursued, or assisted in athletic exercises of any kind as
+ a means of gaining a livelihood; fourthly, who has been employed
+ in or about boats for money or wages; fifthly, is or has been by
+ trade or employment, for wages, a mechanic, artisan or labourer."
+
+_Classification des rameurs._
+
+ "Ne seront admis dans les courses d'amateurs, que les rameurs
+ amateurs faisant partie des Socits invites.
+
+ Ne sont pas amateurs:
+
+ 1. Les watermen, c'est--dire les rameurs, faisant profession de
+ courir.
+
+ 2. Les rameurs courant ou ayant couru gages.
+
+ 3. Les marins, mariniers, passeurs, pcheurs par tat, gardiens
+ de garages, ouvrier constructeurs de bateaux, enfin toutes les
+ personnes, tirant leur moyen d'existence d'une faon habituelle
+ et continuelle dans les chantiers de construction et sur les
+ bateaux."
+
+_Deutscher Amateur-Begriff._
+
+ "Amateur ist Jeder, der das Rudern nur aus Liebhaberei mit
+ eigenen Mitteln betreibt oder betrieben hat und dafr keinerlei
+ Vermgensvortheile in Aussicht hat oder hatte, weder als Arbeiter
+ seinen Lebensunterhalt lediglich durch seiner Hnde-Arbeit
+ verdient, noch in irgend einer Weise beim Bootbau beschftigt
+ ist. Wer um Geldpreise startet oder nach dem 1 Januar 1884
+ gestartet hat, wird nicht als Amateur betrachtet."
+
+Wij weten alzoo wat _professionals_ zijn en willen eens nagaan, welke
+merkwaardige feiten in Engeland, Amerika en Australi onder hen zijn
+voorgevallen. In andere landen namelijk, waar het roeien nog niet door
+de lagere standen beoefend wordt, komt het professionalroeien niet voor.
+Want de beroemdste professionals zijn grootendeels menschen uit de
+volksklasse en worden, wanneer zij het tot zekere hoogte in de kunst
+gebracht hebben, meestal door rijke bewonderaars in staat gesteld om
+er zich geheel aan te wijden, zoodat men, lezende dat twee personen om
+duizend pond sterling geroeid hebben, niet denken moet, dat zij hierbij
+zelven deze som op het spel hebben gezet; die gelden zijn dan door de
+_backers_ van elke partij bijeengebracht. Zooals hier een sportsman
+zijne paarden op een wedren laat loopen, zoo hebben clubs, bestaande uit
+rijke Amerikanen, hunne roeiers.
+
+Hierop zijn natuurlijk uitzonderingen: ook amateurs, die het ver hebben
+gebracht, worden somtijds professionals, doordien zij zich met andere
+beroepsroeiers hebben gemeten.
+
+In Engeland zijn jaarlijks ook voor deze klasse van roeiers bepaalde
+wedstrijden, zooals de sedert 1854 bestaande _Thames National Regatta_
+en de in 1868 gestichte _Thames Regatta_. Dan zijn er vooral in Amerika
+rijke liefhebbers, die dergelijke wedstrijden laten houden: zelfs de
+"_Hop Bitters Company_" heeft reeds meermalen 5000 Dollars voor dat
+doel geschonken! Wel een echt amerikaansche manier om reclame te maken,
+waartegen de "maandbladen tegen de kwakzalverij" bezwaarlijk zullen
+kunnen concurreeren. Op dezelfde wijze voerde genoemde _Company_ hare
+geneesmiddelen in 1879 in Engeland in.
+
+De meeste wedstrijden tusschen professionals hebben plaats tengevolge
+van eene uitdaging van een der beide partijen om eene bepaalde som.
+
+Tot 1876 had altijd een Engelschman den titel "_Championsculler of the
+World_" gevoerd, doch in dat jaar werd ~J. H. Sadler~ door den beroemden
+Australir ~E. Trickett~ verslagen, die door deze zege "_the Championship
+of the World_" en 400 mede naar zijn vaderland nam.
+
+Deze sculler werd in 1851 te Greenwich aan de Paramatta geboren. In 1875
+werd hij "_Champion of Australia_" en in 1876 bracht een ondernemend en
+rijk hotelhouder uit Sidney hem naar Engeland en deed hem daar tegen
+den engelschen champion ~Sadler~ in 't strijdperk treden.
+
+Na het aldaar behaalde succes bevocht hij vele nieuwe lauweren, tot hij
+in 1879 op de _Sidney-Regatta_, waaraan hij ziek deelnam, door een ander
+bekend Australir ~Laycock~ geslagen werd.
+
+Na zijne herstelling bewees hij dezen echter duidelijk zijne
+meerderheid.
+
+Toch zou hij den trotschen titel niet lang meer behouden.
+
+Doch niet meer uit Engeland dreigde voor hem het gevaar: een Amerikaan
+zou het zijn, die de eer van "den besten roeier der wereld te bezitten"
+van Australi op Canada moest overbrengen.
+
+Deze man was ~Edward Hanlan~.
+
+Hij werd den 12den Juli 1855 te Toronto geboren en behaalde in 1873
+zijne eerste overwinning op een match om het "_Amateur Championship in
+the Toronto Bay_." Hij werd daarop professional. In 1877 daagde ~Wallace
+Ross~, de gevierde sculler der United States, alle roeiers van Canada uit
+om een match van 5 mijlen met hem te roeien om 1000 dollars. ~Hanlan~ nam
+dit aan en won gemakkelijk.
+
+Deze zege, die hem tot "_Champion of Canada_," maakte, deed opeens
+aller oogen op hem vestigen, zoodat zich te Toronto een _Hanlan-Club_
+vormde, die zijne verdere leiding op zich nam. Nu had ~Hanlan~ voor
+niets meer te zorgen. De Club sloot alle overeenkomsten voor hem,
+zorgde op de mildste wijze voor zijne behoeften, betaalde zijne reis-
+en verblijfkosten, gaf hem de beste trainers, kortom, beschouwde hem
+als haar dierbaarst kleinood.
+
+In 1878 sloeg hij den New-Yorker sculler ~Plaisted~ om 2000 Doll., dan
+~Evan Morris~ om 1000 Doll. en het _Championship_ van geheel Amerika,
+daarop nogmaals ~Wallace Ross~ en eindelijk ~Courtney~.
+
+In 1879 ging hij naar Engeland om tegen den engelschen champion ~W.
+Elliott~ te roeien.
+
+Daar het er de _Hanlan-Club_ om te doen was zooveel mogelijk geld uit
+de zaak te slaan, sloten zij vooraf eene overeenkomst, volgens welke
+~Hanlan~ eerst met ~Hawdon~, een engelsch sculler van den tweeden rang,
+zou roeien, terwijl de overwinnaar in dezen match zich met ~Elliott~
+zou meten. De list gelukte volkomen: de Engelschen, die ~Hanlan~
+niet kenden, wedden los en vast op hun champion, en de heeren van de
+_Hanlan-Club_, die allen waren overgekomen, namen alle weddenschappen
+aan.
+
+Toen ~Hawdon~ met gemak was verslagen, vermoedden de Engelschen nog
+niets, daar ~Hanlan~ hierbij zich niet had behoeven in te spannen,
+zoodat zij voortgingen met op ~Elliott~ te wedden. Maar daar versloeg
+hij op den 16den Juni zonder de minste moeite ook ~Elliott~, waardoor
+hij den "_Sportsman Challenge Cup_" en 400 veroverde, benevens het
+"_Championship of England_", en met stroomen vloeide het engelsche goud
+in de zakken der Amerikanen.
+
+Bij zijne terugkomst te Toronto werd hij feestelijk ingehaald door eene
+deputatie met den burgemeester aan het hoofd, en de burgers schonken hem
+een huis van 20,000 Doll.
+
+In 1880 veroverde hij door zijne overwinning op ~Trickett~ het
+"_Championship of the World_." Deze match had plaats op de Thames en
+staat in de annalen van het roeien als een der gewichtigste feiten
+opgeteekend. Uit drie werelddeelen stroomden belangstellenden te samen
+om den strijd te aanschouwen, en het moet voor de Engelschen een
+beschamend gezicht zijn geweest op hunne oude Thames een Amerikaan en
+Australir om den titel te zien strijden, dien vroeger een der hunnen
+bezat.
+
+Doch na 1876 hadden de Engelschen, wat het professionalroeien betreft,
+zich nooit meer kunnen opheffen.
+
+In 1881 sloeg hij ~Laycock~, die intusschen ~Trickett~ overwonnen had en
+het daarom ook tegen ~Hanlan~ meende te kunnen opnemen, met het meeste
+gemak en wederom op de Thames.
+
+In 1882 stak hij nogmaals naar Engeland over en versloeg er den
+engelschen Champion ~Boyd~ en ~Trickett~ nogmaals.
+
+In 1883 won hij het in Amerika tegen ~Kennedy~, ~W. Ross~ en vele anderen.
+
+In Mei 1884 versloeg hij nogmaals ~Laycock~.
+
+Doch ditzelfde jaar zou noodlottig voor hem worden en zijne gelukszon
+zien ondergaan.
+
+Het bericht in de "_Wassersport_" over zijne nederlaag begon met de
+woorden:
+
+ "Es fiel ein Stern herunter
+ Aus seiner funkelnden Hh'"
+
+En zoo was het. ~Hanlan~ had eindelijk zijn meester gevonden.
+
+Het was ~William Beach~, die hem op de Paramatta bij Sidney versloeg
+om 500 en het _Championship of the World_ op den 16den Aug. 1884.
+Wel is waar bevocht hij den 7den Febr. 1885 terzelfde plaatse weer de
+overwinning tegen den Australir ~Clifford~ om 1000 en gaf daardoor
+zijne landgenooten hoop, dat hij ook tegen ~Beach~ bij een tweeden match
+zou kunnen stand houden, doch deze verwachting werd niet vervuld. Den
+28sten Maart 1885 werd hij wederom door ~Beach~ geslagen, die thans den
+_Championtitel_ voert.
+
+~Beach~ is den 6den Sept. 1852 geboren en woont te Dapto, Illawara.
+Van beroep is hij smid en gelukkige vader van zes kinderen. Zijn
+lichaamskracht moet buitengewoon zijn. Vr zijn match met ~Hanlan~
+had hij de beroemdste scullers van Australi verslagen.
+
+Den 24sten Oct. 1885 leed ~Hanlan~ zijne derde nederlaag op de Hudson.
+Thans was het ~John Teemer~, een nog jong en veelbelovend amerikaansch
+sculler, die hem overwon.
+
+Daar ~Beach~ niet veel van reizen en trekken schijnt te houden, zullen
+~Teemer~ en ~Ross~ wel de helden van het naderend seizoen zijn. Met de
+Engelschen behoeven zij althans geen rekening te houden, daar ~Ross~ nog
+den 10den Maart 1884 den besten engelschen roeier ~Bubear~ uit Putney
+versloeg, dien hij zelfs 10 sekonden had vrgegeven.
+
+ * * * * *
+
+Werpen wij thans een blik op ons land.
+
+Op pag. 17 van zijn _Handbuch des Rudersport_ houdt ~V. Silberer~ eene
+lange lofrede op de "_Allgemeine Sport-Zeitung_," die sedert 1880 te
+Weenen het licht ziet, en--waarvan hij zelf uitgever is. Om nu nog niet
+eens te spreken van het andere fraais, dat hij er van verhaalt, wil
+ik op n volzin wijzen. Van het (dus: zijn) blad sprekend zegt hij:
+"_welche heute das erklrte Central-Organ des gesammten Rudersportwesens
+in Deutschland, Oesterreich, Holland, Russland und der Schweiz bildet_".
+
+Wij zijn met den roeisport in twee van deze vijf rijken bekend, en in
+Duitschland is het _Central-Organ des gesammten Rudersportwesens_ niet
+de _A. Sportzeitung_, maar de _Wassersport_; terwijl Nederland zijn
+_Nederlandsche Sport_ heeft. Op de drie overblijvende landen zal dus ook
+wel iets af te dingen zijn.
+
+Het eerste nummer der "_Nederlandsche Sport_" zag den 11den Maart 1882
+het licht. Hoewel het aan alle takken van sport is gewijd en stukken
+over paardrijden en honden de meeste ruimte gewoonlijk in beslag nemen,
+zoo staan hare kolommen toch ook voor de roeiers steeds open; mochten
+dezen toch wat meer van deze gastvrijheid gebruik maken!
+
+In de eerste nummers gaf de "_Sport_" eenige mededeelingen over het
+ontstaan der oudste roeivereenigingen in Nederland. Wij ontleenen
+daaraan de volgende bizonderheden.
+
+In 1846 werd te Rotterdam onder voorzitterschap van ~Prins Hendrik der
+Nederlanden~ "_de Koninklijke Nederlandsche Yacht-Club_" opgericht,
+waarvan ook vele Amsterdammers lid werden. Spoedig ontstond er tusschen
+de Rotterdammers, die ~Prins Hendrik~ aan hun hoofd hadden, en de
+Amsterdammers geschil, waarop deze laatsten hun ontslag namen. Deze
+vereeniging bestaat thans niet meer.
+
+In 1847 werd daarop te Amsterdam "_de Koninklijke Nederlandsche Zeil- en
+Roeivereeniging_" opgericht, waarvan in het volgend jaar ~Koning Willem
+II~ het beschermheerschap aanvaardde. Reeds op 30 Sept. 1848 hield deze
+vereeniging haar eersten wedstrijd op het IJ.
+
+In 1848 werd de R. en Z. V. "_de Hoop_" te Amsterdam gesticht, wier
+leden in datzelfde jaar den prijs, bestaande uit een door ~Prins
+Hendrik~ geschonken beker, wonnen tegen twee rotterdamsche ploegen.
+Deze wedstrijd werd den 12den Aug. 1848 te Rotterdam gehouden en is de
+eerste giekenwedstrijd in ons land geweest.
+
+In 1851 werd daarop te Rotterdam de Z. en R. V. "_de Maas_" opgericht.
+
+Het IJ, de Maas en de Amstel waren nu weldra getuigen van vele
+wedstrijden tusschen deze beide vereenigingen, wier ploegen binnen
+korten tijd ook in Belgi (vooral te Antwerpen en Namen) en in Frankrijk
+tallooze overwinningen behaalden.
+
+Toch duurde het lang, voordat nieuwe clubs naast de bestaande verrezen.
+Eerst het jaar 1874 gaf aan verscheidene nieuwe vereenigingen tegelijk
+het leven; en na dat jaar werd het getal grooter en grooter en neemt
+nog jaarlijks toe. Zonderling is het echter dat zij steeds zijn beperkt
+gebleven tot het midden van ons land; in het noorden en zuiden wordt het
+roeien weinig of niet beoefend.
+
+Vooral op de laatste jaren kunnen de nederlandsche roeiers met trots
+terugzien: 1883, 1884 en 1885 zagen daar, waar Nederlanders en vreemden
+tegen elkaar kampten, steeds de eersten de zege behalen; jammer alleen,
+dat wij, door ons verzet tegen den outrigger, van de engelsche races
+kunnen wegblijven.
+
+Ook het inwendige, de verhouding onderling is bij ons beter dan in den
+vreemde.
+
+De _Nederlandsche_ Sport bevat geene hatelijke stukken, die door
+afgunst zijn in de pen gegeven, geene kleingeestige haarklooverijen,
+waardoor verslagene roeiers hunne nederlaag tot eene overwinning
+trachten te maken, geene berichten van vijandelijkheden in dezelfde
+club.
+
+Onze amateurs zijn ook als roeiers gentlemen.
+
+De _Koninkl. Ned. Zeil- en Roeivereeniging_ wordt dikwijls en terecht
+de moeder der nederlandsche roeivereenigingen genoemd. Want niet
+alleen is zij de oudste en worden hare jaarlijksche wedstrijden als
+de belangrijkste van het seizoen beschouwd, ook in een ander opzicht
+betoont zij zich eene zorgzame moeder voor hare kinderen.
+
+Toen in 1885 eene zaak van algemeen belang voor de nederlandsche
+roeivereenigingen het gemis aan een gemeenschappelijken band deed
+gevoelen, riep zij afgevaardigden van alle clubs tot eene vergadering te
+Amsterdam samen; en de zaak werd na onderlinge overweging tot een goed
+einde gebracht. Het gold toen de stuurmanskwestie, waarop wij nader
+zullen terugkomen.
+
+Deze vergadering had het nut van dergelijke bijeenkomsten z duidelijk
+doen uitkomen, dat zij nu jaarlijks plaats vindt. Ook op die van
+1886 werd een belangrijk voorstel aangenomen: de instelling van een
+nederlandsch kampioenschap in single-sculling outrigged.
+
+Nadat dit in principe was besloten, verklaarden zich een twintigtal
+heeren bereid om dien wedstrijd, zoowel de leiding als de kosten, geheel
+op zich te nemen, en er een schoonen prijs voor uit te loven, die drie
+achtereenvolgende jaren moet gewonnen worden alvorens het eigendom te
+worden van den overwinnaar.
+
+Zij verbonden er echter de voorwaarde aan, dat de wedstrijd steeds bij
+Amsterdam zou plaats vinden en internationaal moest zijn.
+
+Tegen het eerste bestond natuurlijk geen bezwaar. De vergadering
+verzocht echter om den wedstrijd althans de eerste keeren slechts voor
+nederlandsche scullers open te stellen.
+
+Volgens onze meening ware het beter een wedstrijd om het kampioenschap
+van Nederland ook alleen voor Nederlanders te houden. Het doel van eene
+dergelijke race is immers: te zien wie van de nederlandsche scullers de
+beste is.
+
+Het is daarom onze hoop, dat de milde gevers hiertoe nog mogen
+besluiten.
+
+ * * * * *
+
+Ook ons land heeft sedert eenige jaren zijne universiteitswedstrijden.
+
+In Leiden was in 1874 de Studenten-Roeivereeniging "_Njord_" opgericht,
+en in 1876 zag te Delft de Studenten-Roeivereeniging "_Laga_" het licht.
+
+In 1878 vond, op eene uitdaging van Leiden, aldaar de eerste wedstrijd
+tusschen beide clubs in vierriemsgieken (vaste banken) plaats, die met
+de overwinning van Delft eindigde.
+
+In 1880 gaf _Njord_ een internationalen wedstrijd en verbond hieraan
+wederom eene race voor Studenten-Roeivereenigingen, waarin Delft
+nogmaals met 10 sekonden de zege behaalde.
+
+Bij dezen wedstrijd roeide Delft op sliding-seats, terwijl Leiden ook
+eene boot met sliding-seats had, doch de slidings had vastgezet, wijl de
+ploeg aan vaste banken de voorkeur gaf.
+
+In 1881 had de wedstrijd te Delft plaats; beide partijen roeiden op
+sliding-seats, Delft in eene boot van ~Dossunet~, Leiden in eene van
+~Clasper~. Voor de derde maal was Delft de eerste met een voorsprong van
+12 seconden.
+
+In 1882 dong ook de inmiddels opgerichte Studenten-Roeivereeniging
+"_Triton_" uit Utrecht mede. De wedstrijd had plaats te Leiden en de
+uitslag was, dat Leiden de overwinning behaalde. Delft kwam 35 seconden
+later als tweede aan en Utrecht bleef 18 sekonden achter Delft.
+
+In 1883 werd door de drie vereenigingen de "_Nederlandsche
+Studentenroeibond_" opgericht. Het bestuur hiervan bestaat uit zes leden
+(van elke vereeniging twee), dat jaarlijks op een onzijdig terrein een
+wedstrijd doet houden. Er wordt geroeid in vierriemsgieken, bemand door
+de beste roeiers van elke vereeniging. Zoo vond in datzelfde jaar nog
+de eerste race van den bond te Oudshoorn plaats op een baan van 3400 M.
+met een omvaartsboei op de helft der baan.
+
+Bij de boei was Leiden eenige lengten vr Utrecht, Utrecht evenveel
+vr Delft, toen er tusschen beide laatsten aanvaring plaats vond,
+zoodat Leiden alln aan de winboei kwam, en den prijs verkreeg. Deze
+bestaat uit het eerediploma en vijf gouden medailles, waaraan door ~Mr.
+J. Cohen Stuart~, eerelid van _Njord_, jaarlijks een kunstvoorwerp
+ter waarde van 100 gulden onder den naam "_Oprichtersprijs_" wordt
+toegevoegd.
+
+In 1884 had de wedstrijd wederom te Oudshoorn plaats. Het bestuur
+had nu besloten om er ook races voor seniores in tweeriems- en voor
+juniores in vierriems en tweeriems aan toe te voegen om der wille van
+het publiek. Het nummer "_Oude vier_" bleef echter het hoofdnummer,
+_de universityrace_. De prijs werd wederom door Leiden behaald, dat
+4 sekonden vr Utrecht en 36 sekonden vr Delft den winning-post
+bereikte.
+
+De baan was even lang als het vorige jaar, maar thans zonder draaiboei.
+
+In 1885 werd de strijd op het Noorder-Spaarne bij Haarlem gestreden. Het
+hoofdnummer werd weder op eene rechte baan, die van Spaarndam naar de
+stad liep, geroeid en zag Leiden als overwinnaar uit den strijd komen.
+Leiden legde de baan 18 sekonden sneller af dan Utrecht en 30 sekonden
+sneller dan Delft.
+
+Gedurende de vier laatste jaren bezigden alle drie clubs gieken van
+~Dossunet~.
+
+Ook in 1886 is besloten den wedstrijd ter zelfder plaatse te houden, die
+daarvoor dan ook alle voordeelen aanbiedt.
+
+Hoewel de drie clubs natuurlijk ook op andere wedstrijden meermalen
+hunne krachten hebben gemeten, zullen wij dezen, evenmin als de
+bijnummers op de universiteitswedstrijden, hier opsommen, daar het
+ons slechts te doen is om in 't kort na te gaan de resultaten van de
+nederlandsche "_Varsity_."
+
+Moge zij weldra evenveel belangstelling in Nederland ondervinden als de
+Oxford-Cambridge race in Engeland geniet; en het lichtblauw van Leiden,
+het rood van Delft, het donkerblauw van Utrecht op het jaarlijksche
+roeifeest de borst sieren van duizenden en duizenden van belangstellende
+toeschouwers! Dat zij zoo!
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+ UITSLAG VAN WEDSTRIJDEN,
+ die in het eerste hoofdstuk zijn besproken.
+
+
+Oxford and Cambridge Eight-Oared Race.
+
+De baan was in 1829 te Henley, in 1836 tot en met 1842 van Westminster
+naar Putney, daarna van Putney naar Mortlake.
+
+ Jaar. Overwinnaar. Tijd. Gewonnen met
+
+ 1829 Oxford 14{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} gemakkelijk.
+ 1836 Cambridge 36{~PRIME~} 1{~PRIME~}
+ 1839 Cambridge 31{~PRIME~} 1{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~}
+ 1840 Cambridge 26{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} {~VULGAR FRACTION TWO THIRDS~} L.
+ 1841 Cambridge 32{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} 1{~PRIME~} 4{~DOUBLE PRIME~}
+ 1842 Oxford 30{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~}
+ 1845 Cambridge 23{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~}
+ 1846[1] Cambridge 21{~PRIME~} 5{~DOUBLE PRIME~} 2 L.
+ 1848 Cambridge 22{~PRIME~} 3 L.
+ 1849 Oxford -- aanvaring.
+ 1852 Oxford 21{~PRIME~} 36{~DOUBLE PRIME~} 27{~DOUBLE PRIME~}
+ 1854 Oxford 25{~PRIME~} 29{~DOUBLE PRIME~} 11{~DOUBLE PRIME~}
+ 1856 Cambridge 25{~PRIME~} 50{~DOUBLE PRIME~} L.
+ 1857 Oxford 22{~PRIME~} 50{~DOUBLE PRIME~} 35{~DOUBLE PRIME~}
+ 1858 Cambridge 21{~PRIME~} 23{~DOUBLE PRIME~} 22{~DOUBLE PRIME~}
+ 1859 Oxford 24{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} C. gezonken.
+ 1860 Cambridge 26{~PRIME~} 1 L.
+ 1861 Oxford 23{~PRIME~} 27{~DOUBLE PRIME~} 48{~DOUBLE PRIME~}
+ 1862 Oxford 24{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~}
+ 1863 Oxford 23{~PRIME~} 5{~DOUBLE PRIME~} 42{~DOUBLE PRIME~}
+ 1864 Oxford 21{~PRIME~} 48{~DOUBLE PRIME~} 23{~DOUBLE PRIME~}
+ 1865 Oxford 21{~PRIME~} 23{~DOUBLE PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~}
+ 1866 Oxford 25{~PRIME~} 48{~DOUBLE PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~}
+ 1867 Oxford 22{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} L.
+ 1868 Oxford 21{~PRIME~} 6 L.
+ 1869 Oxford 20{~PRIME~} 20{~DOUBLE PRIME~} 5 L.
+ 1870 Cambridge 22{~PRIME~} 33{~DOUBLE PRIME~} 1 L.
+ 1871 Cambridge 23{~PRIME~} 5{~DOUBLE PRIME~} 1 L.
+ 1872 Cambridge 21{~PRIME~} 16{~DOUBLE PRIME~} 2 L.
+ 1873[2] Cambridge 19{~PRIME~} 35{~DOUBLE PRIME~} 3 L.
+ 1874 Cambridge 22{~PRIME~} 39{~DOUBLE PRIME~} 3 L.
+ 1875 Oxford 22{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~} 10 L.
+ 1876 Cambridge 20{~PRIME~} 20{~DOUBLE PRIME~} 8 L.
+ 1877 dead heat 24{~PRIME~} 8{~DOUBLE PRIME~}
+ 1878 Oxford 22{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~} 10 L.
+ 1879 Cambridge 21{~PRIME~} 18{~DOUBLE PRIME~} 4 L.
+ 1880 Oxford 21{~PRIME~} 23{~DOUBLE PRIME~} 4 L.
+ 1881 Oxford 21{~PRIME~} 51{~DOUBLE PRIME~} 3 L.
+ 1882 Oxford 20{~PRIME~} 12{~DOUBLE PRIME~} L.
+ 1883 Oxford gemakkelijk 3 L.
+ 1884 Cambridge 21{~PRIME~} 39{~DOUBLE PRIME~} 3 L.
+ 1885 Oxford 21{~PRIME~} 36{~DOUBLE PRIME~} 3 L.
+ 1886 Cambridge 22{~PRIME~} 39{~DOUBLE PRIME~} L.
+
+[1] Voor den eersten keer in outriggers.
+
+[2] Voor den eersten keer met sliding-seats.
+
+
+Henley-on-Thames Royal Regatta
+
+_Diamond Challenge Sculls, for Scullers._
+
+ Jaar. Winner. Tijd.
+
+ 1844 Bumpsted, Seullers's Club, London 10{~PRIME~} 32{~DOUBLE PRIME~}
+ 1845 Wallace, Leander 10{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~}
+ 1846 Moon, Magdalen Coll., Oxford.
+ 1847 Maule, First Trinity, Cambridge 10{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~}
+ 1848 Bagshawe, Third Trin. Cambridge.
+ 1849 T. R. Bone, London.
+ 1850 T. R. Bone, Meteor C., London.
+ 1851 E. G. Peacock, Thames C., London.
+ 1852 E. Macnaghten, First Trin., Cambridge.
+ 1853 Rippingall, Peterhouse, Cambridge 10{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~}
+ 1854 H. H. Playford, Wandle C., London.
+ 1855 A. A. Casamajor, Argonauts C., London.
+ 1856 A. A. Casamajor, Argonauts C., London 9{~PRIME~} 27{~DOUBLE PRIME~}
+ 1857 A. A. Casamajor, London R. C.
+ 1858 A. A. Casamajor, London R. C.
+ 1859 E. D. Brickwood, Richmond 10{~PRIME~}
+ 1860 H. H. Playford, London R. C. 12{~PRIME~} 8{~DOUBLE PRIME~}
+ 1861 A. A. Casamajor, London R. C. 10{~PRIME~} 4{~DOUBLE PRIME~}
+ 1862 E. D. Brickwood, Richmond 10{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~}
+ 1863 C. B. Lawes, Third Trin., Cambridge 9{~PRIME~} 43{~DOUBLE PRIME~}
+ 1864 W. B. Woodgate, Brasenose Coll., Oxford 10{~PRIME~} 3{~DOUBLE PRIME~}
+ 1865 E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford 9{~PRIME~} 11{~DOUBLE PRIME~}
+ 1866 E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford 9{~PRIME~} 55{~DOUBLE PRIME~}
+ 1867 W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford 10{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~}
+ 1868 W. Stout, London R. C. 9{~PRIME~} 6{~DOUBLE PRIME~}
+ 1869 W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford 9{~PRIME~} 56{~DOUBLE PRIME~}
+ 1870 J. B. Close, First Trinity, Cambridge 9{~PRIME~} 43{~DOUBLE PRIME~}
+ 1871 W. Fawcus, Tynemouth R. C. 10{~PRIME~} 9{~DOUBLE PRIME~}
+ 1872 C. C. Knollys, Magdalen Coll., Oxford 10{~PRIME~} 48{~DOUBLE PRIME~}
+ 1873 A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge 9{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~}
+ 1874 A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge 10{~PRIME~} 50{~DOUBLE PRIME~}
+ 1875 A. C. Dicker, Lady Margaret Club 9{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~}
+ 1876 F. L. Playford, London R. C. 9{~PRIME~} 28{~DOUBLE PRIME~}
+ 1877 T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford 10{~PRIME~} 20{~DOUBLE PRIME~}
+ 1878 T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford 9{~PRIME~} 37{~DOUBLE PRIME~}
+ 1879 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 12{~PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~}
+ 1880 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 9{~PRIME~} 10{~DOUBLE PRIME~}
+ 1881 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 9{~PRIME~} 28{~DOUBLE PRIME~}
+ 1882 J. Lowndes, Jesus Coll., Cambridge 11{~PRIME~} 43{~DOUBLE PRIME~}
+ 1883 J. Lowndes, Kingston R. C. 10{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~}
+ 1884 W. S. Unwin, Magdalen Coll., Oxford 9{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~}
+ 1885 W. S. Unwin.
+
+
+Wingfield Sculls
+
+_and the Championship of the Thames._
+
+ Baan van 1830-1849 Westminster-Putney,
+ 1849-1861 Putney-Kew,
+ 1861 Putney-Mortlake.
+
+ 1830 J. H. Bayford.
+ 1831 C. Lewis.
+ 1832 A. A. Julius.
+ 1833 C. Lewis.
+ 1834 en 35 A. A. Julius.
+ 1836 H. Wood.
+ 1837 P. Colquhoun.
+ 1838 H. Wood.
+ 1839 H. Chapman.
+ 1840 en 41 T. L. Jenkins.
+ 1842 en 43 H. Chapman.
+ 1844 T. B. Bumpsted.
+ 1845 H. Chapman.
+ 1846 C. Russell.
+ 1847 en 48 J. R. L. Walmisley.
+ 1849 F. Playford.
+ 1850 en 51 T. R. Bone.
+ 1852 E. G. Peacock.
+ 1853 J. Paine.
+ 1854 H. H. Playford.
+ 1855-60 A. A. Casamajor.
+ 1861 E. D. Brikwood 29{~PRIME~}
+ 1862 W. B. Woodgate 27{~PRIME~}
+ 1863 J. E. Parker 25{~PRIME~}
+ 1864 W. B. Woodgate 25{~PRIME~} 35{~DOUBLE PRIME~}
+ 1865 E. B. Lawes 27{~PRIME~} 4{~DOUBLE PRIME~}
+ 1866 E. B. Michell 27{~PRIME~} 26{~DOUBLE PRIME~}
+ 1867 W. B. Woodgate.
+ 1868 W. Stout 26{~PRIME~} 52{~DOUBLE PRIME~}
+ 1869 en 70 A. de L. Long.
+ 1871 W. Fawcus 26{~PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~}
+ 1872 C. C. Knollys 28{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~}
+ 1873 en 74 A. C. Dicker 24{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} en 25{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~}
+ 1875-79 F. L. Playford 24{~PRIME~} 41{~DOUBLE PRIME~}
+ 1880 A. Payne 24{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~}
+ 1881 J. Lowndes 25{~PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~}
+ 1882 A. Payne 27{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~}
+ 1883 J. Lowndes.
+ 1884 en 85 W. S. Unwin 24{~PRIME~} 12{~DOUBLE PRIME~}
+
+
+Championnat de France.
+
+ 1853 tot 1856 Frdric Lowe.
+ 1857 tot 1861 Louis Armet.
+ 1862 Edmond Gamby.
+ 1863 Louis Huot.
+ 1864-1867 Eug. Frbault.
+ 1868, 69, 71 tot 75 Rg. Gesling.
+ 1876 tot 1883 Alex. Lein.
+ 1884 A. d'Hautefeuille.
+ 1885 Louis Bidauld.
+
+
+Match annuel
+
+_entre le Rowing-Club et la Socit Nautique de la Marne_.
+
+ gewonnen met
+ 1880 Rowing Club 41{~DOUBLE PRIME~}
+ 1881 Rowing Club 45{~DOUBLE PRIME~}
+ 1882 S. N. de la Marne 37{~DOUBLE PRIME~}
+ 1883 S. N. de la Marne 20{~DOUBLE PRIME~}
+ 1884 Rowing Club 44{~DOUBLE PRIME~}
+ 1885 Rowing Club 5 L.
+
+
+Meisterschaft von Deutschland.
+
+ 1882 Achilles Wild, Frankfurter R. G. "Germania"
+ 1883 J. Bungert, Mannheimer R. C.
+ 1884 Achilles Wild, Frankfurter R. G. "Germania"
+ 1885 Achilles Wild, Frankfurter R. G. "Germania"
+
+
+Championnat de Belgique.
+
+ 1874 Alfr. Vidrequin, Bruxelles.
+ 1875 Aug. Bartholom, "
+ 1876 Hector Donies, "
+ 1877 Hector Donies, "
+ 1878 Hector Donies, "
+ 1879 Hector Donies, "
+ 1880 Josef Polak, "
+ 1881 H. Werlemann, "
+ 1882 Joseph Polak, "
+ 1883 M. Chaudoir, Lige.
+ 1884 Trasenster, "
+ 1885 M. Chaudoir, "
+
+
+NEDERLAND.
+
+
+Universiteitswedstrijd.
+
+ Jaar. Overwinnaar. Plaats. Gewonnen met:
+
+ 1878 Delft, op den Rijn bij Leiden gew. m. ?
+ 1880 Delft, op den Rijn bij Leiden " " 10{~DOUBLE PRIME~}
+ 1881 Delft, op de Schie bij Delft " " 12{~DOUBLE PRIME~}
+ 1882 Leiden, op den Rijn bij Leiden " " 35{~DOUBLE PRIME~} vr Delft,
+ 53{~DOUBLE PRIME~} vr Utrecht.
+ 1883 Leiden, Oudshoorn, aanvaring van Delft en Utrecht.
+ 1884 Leiden, Oudshoorn gew. m. 4{~DOUBLE PRIME~} vr Utrecht,
+ 36{~DOUBLE PRIME~} vr Delft.
+ 1885 Leiden, Haarlem " " 18{~DOUBLE PRIME~} vr Utrecht,
+ 30{~DOUBLE PRIME~} vr Delft.
+
+
+Kampioenschap van Nederland.
+
+
+_Matches of Professionals for the Championship._
+
+P. M. = Putney-Mortlake.
+
+De tusschen haakjes geplaatste naam is die van den overwonnene.
+
+ 1831 (9 Sept.) C. Campbell (C. Williams).
+ 1846 (19 Aug.) R. Coombes (C. Campbell) P. M. 26{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~}
+ 1852 (24 Mei) T. Cole (R. Coombes) P. M. 26{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~}
+ 1854 (20 Nov.) J. Messenger (T. Cole) P. M. 24{~PRIME~} 25{~DOUBLE PRIME~}
+ 1857 (12 Mei) H. Kelley (J. Messenger) P. M. 24{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~}
+ 1859 (25 Sept.) R. Chambers (H. Kelley) P. M. 25{~PRIME~} 25{~DOUBLE PRIME~}
+ 1865 (8 Aug.) H. Kelley (R. Chambers) P. M. 23{~PRIME~} 26{~DOUBLE PRIME~}
+ 1866 (22 Nov.) R. Chambers (J. Sadler) P. M. 25{~PRIME~} 4{~DOUBLE PRIME~}
+ 1867 (6 Mei) H. Kelley (R. Chambers) op de Tyne 31{~PRIME~} 47{~DOUBLE PRIME~}
+ 1868 (17 Nov.) J. Renforth (H. Kelley) P. M. 23{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~}
+ 1874 (17 April) J. H. Sadler (E. Bagnall) P. M. 24{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~}
+ 1875 (15 Nov.) J. H. Sadler (R. W. Boyd) P. M. 28{~PRIME~} 5{~DOUBLE PRIME~}
+ 1876 (27 Juni) E. Trickett (J. H. Sadler) P. M. 24{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~}
+ 1877 (19 Maart) R. W. Boyd (W. Nicholsen)
+ op de Tyne 25{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~}
+ 1877 (28 Mei) R. W. Boyd (J. Higgins) P. M. 28{~PRIME~} 24{~DOUBLE PRIME~}
+ 1877 (8 Oct.) J. Higgins (R. W. Boyd) P. M. 24{~PRIME~} 10{~DOUBLE PRIME~}
+ 1878 (14 Jan.) J. Higgins (R. W. Boyd) op de Tyne foul.
+ 1878 (3 Juni) J. Higgins (W. Elliott) P. M. 24{~PRIME~} 38{~DOUBLE PRIME~}
+ 1878 (17 Sept.) W. Elliot (R. W. Boyd) P. M. foul.
+ 1879 (17 Febr.) W. Elliot (J. Higgins) op de Tyne 22{~PRIME~} 1{~DOUBLE PRIME~}
+ 1879 (16 Juni) E. Hanlan (W. Elliot) op de Tyne 21{~PRIME~} 21{~DOUBLE PRIME~}
+ 1880 (15 Nov.) E. Hanlan (E. Trickett) P. M. 26{~PRIME~} 12{~DOUBLE PRIME~}
+ 1881 (14 Febr.) E. Hanlan (E. C. Laycock) P. M. 25{~PRIME~} 41{~DOUBLE PRIME~}
+ 1882 (3 April) E. Hanlan (R. W. Boyd) op de Tyne 21{~PRIME~} 25{~DOUBLE PRIME~}
+ 1882 (1 Mei) E. Hanlan (E. Trickett) P. M. 28{~PRIME~}
+ 1883 (31 Mei) E. Hanlan (J. L. Kennedy)
+ Point of Pines Canada m. 15 L.
+ 1883 (18 Juli) E. Hanlan (W. Ross)
+ Lawrence River U. S. m. 20 L.
+ 1884 (22 Mei) E. Hanlan (E. C. Laycock)
+ Melbourne Nep. m. L. in 22{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~}
+ 1884 (16 Aug.) W. Beach (E. Hanlan) Paramatta m. 6 L. in 20{~PRIME~} 29{~DOUBLE PRIME~}
+ 1885 (7 Febr.) E. Hanlan (Clifford) Paramatta m. 7 L.
+ 1885 (28 Maart) W. Beach (E. Hanlan) Paramatta m. 10 L. in 22{~PRIME~} 51{~DOUBLE PRIME~}
+ 1885 (24 Oct.) J. Teemer (E. Hanlan) Hudson Riv. 22{~PRIME~} 11{~DOUBLE PRIME~}
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+TWEEDE HOOFDSTUK.
+
+DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN.
+
+
+ 1. _De Boot._
+
+De booten worden in twee hoofdgroepen verdeeld: _outrigged-_ en
+_inriggedbooten_.
+
+Bij ons te lande wordt bijna uitsluitend de laatste soort gebezigd, om
+welke reden wij daaraan het meest onze aandacht zullen wijden.
+
+Daar echter de veranderingen en verbeteringen aan de _outriggedbooten_
+ook op die der tweede soort grooten invloed hebben uitgeoefend, zullen
+wij vooraf eene korte beschrijving van _outriggedbooten_ geven. De
+snelheid eener boot is afhankelijk van twee hoofdfactoren, n.l. hare
+breedte en de lengte van den hefboom des riems. De uitvinding van den
+outrigger nu is de eenvoudige oplossing van het probleem: de lengte van
+den hefboom onafhankelijk te maken van de breedte der boot, m. a. w.
+de boot smaller te kunnen maken, zonder dat het daarbij noodig is den
+hefboom te verkorten. ~H. Clasper~ van New-Castle on Tyne heeft in 1841
+deze vraag opgelost door de dollen, in plaats van op het boord, buiten
+de boot op een uitstekend ijzeren toestel aan te brengen.
+
+Naar dit toestel nu, dat den naam _outrigger_ draagt, worden ook de
+booten, die er mede voorzien zijn, _outriggers_ genoemd.
+
+Zij hebben in Amerika en Engeland de oudere bootsoorten op wedstrijden
+geheel verdrongen, zijn in Duitschland reeds overal ingevoerd en
+beginnen ook in Frankrijk en Belgi het burgerrecht te verkrijgen.
+In Nederland is tot nog toe de _single-sculling_ de eenige
+vertegenwoordiger van de _outriggers_ op wedstrijden.
+
+Daar _outriggers_, die voor wedstrijden gebruikt worden, gewoonlijk niet
+meer dan een paar centimeter boven het water uitsteken, zijn zij met taf
+overdekt, uitgezonderd het gedeelte waarin de roeiers zitten. Dit wordt
+door eene kleine verhooging der boorden, het _waschboord_ genaamd, tegen
+het binnenslaan der golven beveiligd.
+
+Bij _inrigged-_ of _rowlockboats_ (_yole-gigs_, _Dollenboote_), bij ons
+kortweg _gieken_ geheeten, zijn de dollen niet op outriggers, maar op de
+boorden aangebracht.
+
+De _giek_ is breeder en hooger dan de _outriggers_; breeder, omdat geen
+outrigger hierin de lengte van den hefboom onafhankelijk maakt van de
+breedte der boot; hooger, omdat zij niet overdekt zijn. Doordat echter
+de roeiers niet in het midden der boot, maar tegen de boorden zitten,
+kan hierdoor de hefboom weer langer zijn.
+
+Hoewel, zooals reeds gezegd is, in vele landen op wedstrijden door
+den _outrigger_ verdrongen, zal toch ook daar de _giek_ steeds
+moeten blijven bestaan voor het oefenen van beginners; want om in een
+_outrigger_ te kunnen gaan roeien moet men het tot zekere hoogte in de
+kunst gebracht hebben. Bij ons wordt de _giek_ nog altijd op wedstrijden
+gebruikt, doch voorzien van allerlei veranderingen en verbeteringen, die
+in Engeland in verloop van tijd aan de _outriggers_ werden aangebracht.
+Zoo ziet een _racegiek_ (_yole-gig de course_, _Dollenrennboot_), die
+men tegenwoordig van fransche of duitsche bootbouwers ontvangt, er
+geheel anders uit dan eene echte, oude engelsche _inriggedracingboat_;
+de sliding-seat is er in aangebracht, de oude houten dollen zijn door
+_swiveling-rowlocks_ vervangen, en deze staan niet meer op het boord,
+doch op een naar buiten stekend, op het boord aangebracht stuk hout,
+zoodat het eigenlijk geen _inriggers_ meer zijn. En nog worden
+er jaarlijks nieuwe veranderingen in aangebracht en worden onze
+vereenigingen daardoor jaar op jaar gedwongen zich nieuwe booten aan te
+schaffen, zoo zij ten minste op wedstrijden niet door haar materiaal
+aan de tegenpartij een voordeel willen verschaffen; en de bootbouwers
+wrijven zich de handen van plezier en worden steeds scherpzinniger in
+het uitvinden van "_innovations_"; want elke nieuwigheid heeft nieuwe
+bestellingen tengevolge.
+
+Hiertegenover staat, dat wij, de _outriggers_ op onze wedstrijden
+invoerende, onze vereenigingen vele kosten zouden besparen, daar het
+model van een _outrigger_ niet telkens verandert.
+
+Maar het grootste voordeel zou zijn, dat wij ook met de Engelschen, tot
+dusver de eersten onder de amateurs, onze krachten zouden kunnen meten,
+terwijl wij nu met onze _gieken_ op het vasteland kunnen blijven.
+
+Waarom niet flink en doortastend terstond de _outriggers_ ingevoerd in
+plaats van krampachtig aan onze _inriggers_ vast te houden, die toch
+eigenlijk geen _inriggers_ meer zijn?
+
+Wij stellen met onze hybridische _gieken_ nog ns de uitvinding van den
+_outrigger_ voor.
+
+Immers men verhaalt, dat ook de eerste _outrigger_ slechts een houten
+toestel was om de dollen naar buiten te brengen, en dat ~Clasper~ hierop
+het denkbeeld heeft opgevat om dit toestel te verlengen en uit ijzeren
+stangen te vervaardigen. En dat was in 1841!
+
+Ook bij onze naburen, de Belgen, is de _outrigger_ zeer koel ontvangen
+en slechts op enkele "_courses pour embarcations de construction libre_"
+verschenen. Toch vindt hij daar ijverige verdedigers, getuige het
+jaarverslag over 1885 van de _Cercle des Rgates_ te Brussel, waarin men
+leest: "Depuis longtemps les socits des pays voisins nous ont devancs
+dans cette voie, et il est rellement fcheux qu'en Belgique certains
+cercles persistent dans leurs anciens errements."
+
+Zoowel _outriggers_ als _inriggers_ ontvangen naar het aantal roeiers,
+waarvoor zij bestemd zijn, hun naam. Zoo heet eene boot voor 8, 6, 4
+of 2 roeiers een _achtriems_ (_eight-oar_, _gig huit rameurs_,
+_Achtriemer_), _zesriems_, _vierriems_ of _tweeriems_ (_pair-oar_).
+
+Wanneer de roeier slechts n riem hanteert, zoo heet deze _oar_
+(_aviron de pointe_); roeit hij echter met twee riemen, dan worden deze
+_sculls_ (_avirons de couple_) genoemd, de roeier is dan een _sculler_
+en de boot een _scullingboat_.
+
+Een boot, die slechts voor n roeier bestemd is, heet daarom
+_single-scullingboat_.
+
+Ook komen wel booten voor, die voor meerdere scullers zijn ingericht.
+
+Booten, die door meerdere roeiers worden voortbewogen, hebben gewoonlijk
+een stuurman.
+
+In Amerika en Engeland worden echter _vierriemsoutriggers_ meestal--en
+_tweeriemsoutriggers_ (_pairoars_) altijd door een der roeiers gestuurd.
+
+De tegenwoordige _single sculling outrigger_, waarin alom om het
+"_championship_" geroeid wordt, draagt in Belgi en Frankrijk algemeen
+den naam van _skiff_, waaronder vroeger een geheel ander vaartuig werd
+verstaan. Toen was het een korte, zware en wijde boot, die eenigszins
+het model van eene _wherry_ had.
+
+De _wherry_ was vr twintig jaren de meest voorkomende boot op de
+Thames. Zij gelijkt op een _giek_, maar is zwaarder en korter, terwijl
+de boorden, in plaats van over de geheele lengte dezelfde hoogte te
+hebben, op de plaatsen, waar de dollen zijn aangebracht, oploopen. Zij
+is meestal overnaadsch en dient voor het maken van tochten, zoodat zij
+dikwijls ook voor zeilen is ingericht.
+
+
+ 2. _Onderdeelen der Boot._
+
+Wanneer men zich in eene boot gezeten denkt met het gelaat naar den
+voorsteven, evenals de stuurman, dan heet de linkerzijde _bakboord_
+(_port_ of _larboard_, _babord_, _Backbord_)--de rechterzijde
+_stuurboord_ (_starboard_, _tribord_, _Steuerbord_).
+
+Het voorste gedeelte tot aan den eersten roeier wordt de _boeg_ (_bow_,
+_Bug_)--het achterste tot aan den stuurman de _achtersteven_ (_stern_)
+genoemd; het overige heet _midships_.
+
+Tot de onderdeelen overgaande hebben wij vooreerst: de _kiel_ (_the
+keel_), die bij zware booten aan den binnen- en buitenkant--doch bij
+racebooten alleen aan den binnenkant zichtbaar is. Zij vormt geen rechte
+lijn, maar is aan de beide uiteinden eenigszins opwaarts gebogen en is
+dus als 't ware de ruggegraat der boot.
+
+Aan beide zijden van de kiel zijn de _ribben_ (_the ribs_, _timbers_ of
+_lands_, _die Rippen_) bevestigd. Het is van groot belang, dat de ribben
+stevig met de kiel verbonden zijn, daar zij het beloop der zijwanden
+aangeven.
+
+De _waterlijn_ is de streep, die het water op de zijden der boot
+afteekent, wanneer deze bemand op het water ligt. Daar elke boot ne
+bepaalde ligging op het water heeft, waarbij zij het snelst loopen kan,
+is het groot geheim der kunst juist in het vaststellen dier lijn
+gelegen.
+
+Het lichaam zelf der boot bestaat uit lange, smalle, over elkander
+sluitende planken, die tegen de ribben genageld zijn. Zulke booten
+heeten _overnaadsche-_ of _klinkerbooten_.
+
+Bij _lichte_ of _gladde booten_, die op wedstrijden gebruikt worden, is
+het lichaam uit lange, breede en zeer dunne bladen hout samengesteld.
+Deze zijn door stoom gebogen en sluiten z dicht tegen elkander, dat
+het geheele uitwendige eene gladde oppervlakte vertoont.
+
+Deze laatste soort wordt gewoonlijk van amerikaansch cederhout
+vervaardigd, terwijl de overnaadsche booten meestal van eiken- of
+mahoniehout zijn gemaakt en voor oefen- of pleiziervaartuigen dienen.
+
+Racebooten worden tegenwoordig z gemaakt, dat zij in twee of drie
+stukken kunnen worden uit elkander genomen, hetgeen vooral voor het
+vervoer zeer gemakkelijk is en vele kosten bespaart. De Franschen noemen
+zulk eene boot _dmontable_, de Duitschers _zusammenlegbar_.
+
+In Amerika worden racebooten in de laatste jaren ook van papier
+vervaardigd; zij moeten ten opzichte van lichtheid, gemakkelijke
+reparatie, groote hechtheid, enz. vele voordeelen aanbieden. Door lang
+in het water te liggen zal de papieren substantie, al is deze ook nog
+zoo hard gemaakt, naar onze meening, echter noodzakelijk water inzuigen.
+In Europa zijn zij nog slechts weinig in gebruik om de eenvoudige reden,
+dat de Amerikanen de bewerking geheim houden. Al heeft men er dus de
+hooge transportkosten voor over om hier zulk eene boot te bezitten, zoo
+moet men haar toch bij elke averij in Amerika laten herstellen.
+
+_Boeg_ (_stem_, _Bug_) heet het voorste gedeelte der boot, dat het water
+doorsnijdt, terwijl het achterstuk, waaraan het roer bevestigd wordt,
+_achtersteven_ (_stern_ of _afterpart_, _Hintersteven_)--en bij booten,
+waarbij dit deel niet scherp uitloopt, maar een klein plat vlak vormt,
+_hek_ (_transom_, _Heck_) wordt genoemd.
+
+De _loopplanken_ liggen altijd los op den bodem der boot om er bij het
+schoonmaken te kunnen worden uitgenomen.
+
+De _spoorplank_ of het _voetbord_ (_stretcher_, _la barre de pied_,
+_Stemmbrett_), waartegen men bij het roeien de voeten plaatst, kan
+naar gelang van de lengte der beenen verplaatst worden. Hierop is de
+_voetriem_ bevestigd, die de voeten van den roeier omsloten houdt en
+deze daardoor in de voor- en achterwaartsche bewegingen ondersteunt.
+Het is noodzakelijk voor de regelmatigheid dezer bewegingen, dat beide
+voeten in voetriemen steken, daar de roeier, zoo slechts n der voeten
+door een riem is omvat, na het einde van den slag alle kracht bij het
+naar voren komen op die zijde van het lichaam overbrengt.
+
+_Dollen_ (_rowlocks_, _dames_, _Dullen_) zijn de houten of metalen
+pennen, waartusschen de riem bij het roeien ligt. Zij zijn bij
+_inriggers_ op de boorden--bij _outriggers_ op de _outriggers_
+aangebracht. De een, waartegen de riem bij het trekken drukt, heet de
+_trekdol_ (_thowl_, _dame d'arrt_, _Ruderpflock_), de ander, die bij
+het strijken dienst doet, de _strijkdol_ (_stopper_ of _after-thowl_,
+_dame de retour_, _Streichpflock_).
+
+Het houtje, dat tusschen de beide dollen ligt en waarop de riem rust,
+heet het _scheerhout_ of _vulhout_ (_filling_, _Dullenlager_ of
+_Ftterung_).
+
+Sedert eenige jaren is men in Amerika op de gedachte gekomen om
+beweegbare dollen op scullingbooten te plaatsen.
+
+[Illustratie: Fig. 1.]
+
+Het is eene uitvinding, die op het invoeren der sliding-seat
+noodzakelijk volgen moest. Terwijl immers hierdoor de roeier werd in
+staat gesteld om de sculls veel verder naar voren en achteren te brengen
+dan op vaste banken, moesten ook de dollen verder van elkander worden
+geplaatst. Dit nu was nadeelig, 1e door de grootere speelruimte,
+welke de scull daardoor tusschen de dollen kreeg, en door de daaruit
+voortvloeiende onvastheid, en 2e door de grootere wrijving.
+
+Deze beide bezwaren nu worden door de _draaidollen_ (_swivel rowlocks_)
+opgeheven, daar de roeier hierbij zver met zijne sculls reiken kan,
+als hij zelf maar wil.
+
+Van deze draaidollen bestaan tegenwoordig alweer tallooze soorten. Ook
+de fransche bootbouwers brengen ze op inriggers aan. Voor een der beste
+soorten geldt de "_Davis swivel rowlock_", waarvan ook ~Hanlan~ zich
+steeds bediend heeft. (zie fig. 1).
+
+De _riem_ (_oar_ of _scull_, _aviron_ of _rame_, _Ruder_ of _Riem_)
+bestaat uit vier deelen: het _handvat_ (_handle_, _le manche_, _la
+poigne_, _Griffe_), het _binneneind_ (_loom_, _Innenhebel_), het
+_buiteneind_ (_shank_ of _small_, _Aussenhebel_) en het _blad_ (_blade_,
+_pelle_, _Blatt_).
+
+Op de plaats, waar de riem in de dollen rust, is hij over eene lengte
+van 15 cM. met leder bekleed om de wrijving te verminderen; en hierop is
+het _stootler_ (_stop_, _Pflock_ of _Knopf_) aangebracht, dat het
+uitglijden uit de dollen verhindert.
+
+Dit stootleer werd gewoonlijk met drie lange draadnagels aan den riem
+vastgemaakt, waardoor deze op die plaats zeer verzwakt werd. In de
+meeste gevallen, dat riemen werden stukgetrokken, geschiedde dat op die
+plaats. Nu heeft een Engelschman ~Young~ in 1885 een middel uitgevonden
+om het stootleer zonder spijkers aan den riem te bevestigen, en op zijne
+uitvinding patent aangevraagd. De door roeiers uit Londen, Oxford en
+Cambridge genomene proeven hebben uitstekend voldaan.
+
+Ook in de riemen heeft de Amerikaan ~Davis~ in den laatsten tijd eene
+verbetering aangebracht. De as der bladen van de door hem vervaardigde
+riemen valt niet in het verlengde van den steel, maar vormt hiermede een
+hoek, zoodat bij het roeien de bovenkant van het blad evenwijdig is aan
+de wateroppervlakte, hoewel de steel van den riem met het watervlak
+natuurlijk een stompen hoek maakt.
+
+Onderstaande figuur geeft een scull te zien, zooals die onder den trek
+in het water staat.
+
+[Illustratie: Fig. 2.]
+
+De proeven, die de berlijnsche bootbouwer ~Rettig~ in 1885 met holle
+riemen heeft genomen, zijn niet bevredigend uitgevallen.
+
+Het _roer_ (_the rudder_, _la barre_, _das Steuer_), dat met de roerpen
+aan den achtersteven wordt verbonden, bestaat uit het blad, en het juk,
+aan welks uiteinden de _stuurlijnen_ (_yokelines_, _fils_,
+_Steuerleinen_) verbonden zijn.
+
+De _vanglijn_ (_painter_ of soms _headfast_) is het touw, waarmede de
+boot wordt vastgelegd.
+
+De zitplaatsen blijven ons nog ter bespreking over.
+
+De zitplaats van den stuurman, stuurbank genoemd, wordt tegenwoordig
+aldus in de boot aangebracht, dat men dien naar gelang van het gewicht
+van den stuurman kan verplaatsen.
+
+De _roeibanken_ (_thwarts_, _bancs de nage_, _Ruderbnke_) staan dwars
+op de boot en zijn door middel van kniehoutjes aan de boorden bevestigd.
+
+Gewoonlijk zit de roeier op een aan den bank vastgebonden matje of
+kussen om het afglijden en drroeien tegen te gaan. Op wedstrijden
+echter lieten de roeiers die kussens weg en gleden op hunne banken
+heen en weder om den slag langer te kunnen maken; om deze beweging
+te vergemakkelijken werd de zitplaats wel met zeep of vet bestreken,
+waarover de roeier dan met eene met leder bekleede broek heen en weer
+schoof.
+
+Bij het scullen was deze methode ongetwijfeld voordeelig; doch bij het
+roeien, waarbij 6 10 slagen per minuut mr worden gemaakt, woog het
+voordeel van den langeren slag niet op tegen de buitengewone inspanning
+der beenen.
+
+Zoo was de beroemde ploeg van Renforth gewoon op vaste banken te
+glijden, wanneer zij op een korten afstand alle krachten aanwendden
+(_to make a spurt_, _faire un enlevage_), doch op lange afstanden konden
+zij zulks niet volhouden. Ook de vierriemsploeg "~John-o' Gaunt~" van
+Lancaster, die in 1870 aan de Henley deelnam, gleed over vaste banken,
+en verkreeg op eene korte baan eene groote snelheid; maar de beenen
+werden te zeer ingespannen, dan dat zij het lang vermochten vol te
+houden.
+
+Zonderling, dat roeiers, die toch inzagen, dat het gebrekkige in dit
+glijden voortkwam uit de wrijving van het lichaam op den bank, niet op
+de gedachte kwamen de beweging te vereenvoudigen door den bank tegelijk
+met het lichaam te laten glijden. Aan een Amerikaan is de theoretische
+toepassing van dit principe te danken. Maar de amerikaansche roeiers,
+hoewel schrander genoeg om in te zien dat, zoo het lichaam over den
+bank moest glijden, deze beweging gemakkelijker werd door op een
+afzonderlijk bankje over den eigenlijken bank heen en weer te gaan,
+stelden deze uitvinding niet genoeg op prijs; hetgeen wel hieraan wordt
+toegeschreven, dat de Amerikanen in dien tijd bij het roeien bijna allen
+hunne armen en schouders gebruiken, zonder aan het gebruik der been- en
+lendespieren gewicht te hechten.
+
+Een ploeg uit het noorden van Engeland, die destijds in Amerika
+vertoefde en daar de oplossing van het probleem zag, bracht het
+bij haar terugkomst in praktijk; en het groote nut der _glijbanken_
+(_sliding-seats_, _bancs coulisse_, _Gleitsitze_) bleek op den
+wedstrijd voor vierriemsgieken in Nov. 1871 op de Tyne. ~J. Taylor~
+namelijk had zijne ploeg overgehaald tot het beproeven der nieuwe
+methode en dit tot den dag van den wedstrijd zorgvuldig geheim gehouden.
+Het resultaat was verrassend, want de tegenpartij, de ploeg van
+~Chambers~, werd met gemak verslagen.
+
+Twee wedstrijden in sculling, in de daaropvolgende lente op de Thames
+gehouden, deden het voordeel der glijbanken nog meer uitkomen.
+
+Zonderling is het verder, dat de Amerikanen, de eigenlijke uitvinders
+der glijbanken, nalieten er zich van te bedienen, en, terwijl zij
+zelven in hunne methode van roeien de beenen niet gebruikten, aan hunne
+mededingers, de Engelschen, door hunne uitvinding de beste wijze aan de
+hand gaven om het meeste voordeel van de beenspieren te trekken.
+
+Bekend is de overwinning van de _London Rowing-club_ op de _Club
+Atalanta_ van New-York, waarbij eerstgenoemde de glijbanken gebruikte.
+Hoewel toen de Engelschen, zoowel door meerdere physieke kracht als door
+hun beteren stijl, ook zonder dat voordeel de overwinning zouden hebben
+behaald, zoo was toch de _sliding-seat_ in de engelsche boot voor een
+groot gedeelte de oorzaak van de smadelijke nederlaag der Amerikanen.
+Maar juist de overtuiging, dat de Engelschen toch verreweg de baas
+waren, hield de oppositie tegen de nieuwigheid bij de roeiers van het
+oude stelsel nog levendig. Want de schoone stijl (zoo redeneerden zij)
+gaat er door verloren, al moge men dan ook iets in snelheid winnen.
+
+Mettertijd echter ging men inzien, dat de schoone stijl zeer goed te
+vereenigen was met het roeien op _sliding-seats_, en dat, al valt het
+niet te ontkennen dat voorbeelden van goeden stijl minder talrijk zijn
+dan in den tijd van de vaste banken, deze toch langzamerhand terugkeert.
+
+En naarmate men het juiste gebruik der _sliding-seat_ beter zal leeren
+kennen, zullen alle roeiliefhebbers zich niet over het bederf van den
+stijl hebben te beklagen, doch zich verheugen over eene uitvinding, die
+alle lichaamsdeelen tot hun recht laat komen en het roeien tot een der
+volledigste lichaamsoefeningen maakt.
+
+In den laatsten tijd tracht men ook in de _sliding-seat_ weer
+verbeteringen te brengen door de banken over wieltjes te laten
+rollen. Daar men het over de zaak nog niet eens is, verwijzen wij
+belangstellenden naar de no. 24 en 25 van de _Wassersport_ van 1885,
+waarin de kwestie door ~Dr. Schiller~ in met teekeningen opgeluisterde
+opstellen wetenschappelijk behandeld wordt; en naar no. 42, waar zij
+door ~R. Rochow~ meer uit een praktisch oogpunt wordt besproken.
+
+Nog van eene andere uitvinding der Amerikanen moeten wij melding maken,
+n.l. het _windzeil_ voor scullers. Ieder sculler weet bij ondervinding,
+hoe lastig het is om bij zijwind koers te houden, daar de boot steeds
+neiging heeft met den boeg tegen den wind in te loopen; hierdoor is men
+dan genoodzaakt met den arm aan de windzijde bijna alln te roeien,
+zoodat deze daardoor bovenmatig ingespannen en vroegtijdig vermoeid
+wordt.
+
+Verschillende middelen werden daartegen reeds beproefd, o. a. heeft men
+een gewicht van een kilo aan het achtereind der boot gehangen, onder aan
+de kiel een zwaard aangebracht: alles tevergeefs.
+
+Door het eerste middel namelijk lag de boot van achteren te diep en stak
+met den boeg in de lucht, door het tweede werd het draaien zoo goed als
+onmogelijk.
+
+Eerst het _windzeil_ heeft de kwaal geheel verholpen. Het bestaat uit
+een dun blad hout, dat loodrecht op den boeg wordt geplaatst en aan
+elken zijwind is blootgesteld. De wind draait dan, door den druk op het
+zeil, den boeg zoover van zich af als de neiging der boot is om in den
+wind op te loopen, zoodat de boot haren rechten koers behoudt en de
+roeier beide armen gelijkelijk kan gebruiken, hetzij hij bij windstilte
+of bij sterken zijwind vaart.
+
+De beide volgende afbeeldingen van verschillend gevormde windzeilen,
+ontleend aan de "_Spirit of the Times_," zijn geplaatst op booten van de
+_New-York Athletic-Club_.
+
+[Illustratie: Fig. 3.]
+
+[Illustratie: Fig. 4.]
+
+ * * * * *
+
+Na alzoo de boot en hare onderdeelen te hebben besproken, rest ons nog
+het een en ander over de vervaardigers ervan te zeggen.
+
+Om dan met ons land te beginnen, kunnen wij de ~Gebr. van Heemstede Obelt~
+te Amsterdam noemen, die vooral in de laatste jaren in het bouwen van
+racegieken zijn vooruitgegaan, getuige de overwinningen der R. V.
+_Fortuna_ in gieken van die firma behaald.
+
+Hunne booten zijn gewoonlijk zwaarder dan de fransche en engelsche, en
+dit is zeker de reden, waarom de nederlandsche roeivereenigingen hunne
+gieken meestal uit den vreemde laten komen.
+
+In het vorige jaar hebben zich ook te Rotterdam ~Deichmann~ en ~Ritchie~,
+die vroeger bij ~Rettig~ te Berlijn werkzaam waren, nedergezet en zich
+reeds een goeden naam verworven met booten voor berlijnsche clubs en
+voor de _Deutsche Turn- und Ruder-Verein_ te Rotterdam.
+
+De duitsche fabriekanten zijn ons onbekend, hoewel er in de laatste
+jaren aldaar velen zijn verrezen.
+
+Wij laten onze inriggers voor verreweg het grootste gedeelte uit
+Frankrijk komen, hetzij van ~Louis Dossunet~ te Joinville-le-Pont
+( l'Ecluse) Seine of van ~Tellier~, Quai de la Rape, Paris.
+
+Bij ~Dossunet~ schijnt men zich wel het best te bevinden, daar alle
+nederlandsche ploegen, die de laatste jaren in Belgi, waar men algemeen
+aan booten van ~Tellier~ de voorkeur geeft, overwinningen hebben behaald,
+deze lauweren in booten uit ~Dossunet~'s werkplaats hebben weggedragen.
+Ook zijn zijne booten veel billijker in prijs. De Stud. R. V. _Njord_
+toch ontving in 1883 van hem een tweeriemsracegiek van 700 francs en in
+het volgend jaar een dito van ~Tellier~ voor 900 francs.
+
+Inriggers uit Engeland te laten komen is niet aan te raden, daar men
+zich daar niet meer bedient van de bootsoort, die bij ons op wedstrijden
+gebruikt wordt. Zoo hebben wij van ~Clasper~ te Oxford in 1881 een
+vierriems- en in 1882 een zesriemsracegiek (beide inrigged) gezien, die
+z slap waren, dat men bij het uit- en indragen bang was, dat ze inn
+zouden zakken.
+
+Voor losse riemen zijn ~E. Ayling~, oar and scullmaker, Vauxhall, London
+S. E., alsmede ~Norris~, York, Wandsworth aan te bevelen, die zonder
+prijsverhooging bij ~Deichmann~ en ~Ritchie~ te verkrijgen zijn.
+
+Voor outriggers, die door de genoemde fransche firmas trouwens ook
+vervaardigd worden, worden gewoonlijk genomen ~J. H. Clasper~ in Oxford;
+~Searle & Sons~, London, ~S. E. Stangate~, Lambeth; en ~R. Simmons & Sons~
+in Putney. Bij ~Messum & Sons~ te Richmond bevonden wij ons vroeger zeer
+goed wat betreft booten met vaste banken.
+
+ * * * * *
+
+De duurzaamheid eener boot hangt grootendeels af van de wijze van
+behandeling, vooral lichte racebooten kunnen door vele geforceerde
+wendingen in korten tijd worden tegronde gericht.
+
+Allereerst is het noodig, dat zij in een goed gesloten _giekenloods_
+(_boathouse_, _garage_, _Boothaus_) tegen weer en wind beschut zijn.
+Verder moeten zij aldus gelegd worden, dat zij door slechte ligging niet
+haren vorm kunnen verliezen. Zoo moet men eene boot nooit op de beide
+uiteinden laten rusten, daar zij dan in 't midden zal uitzakken, doch
+liefst op 3 of 4 dwarsbalken of bokken leggen, zdat zij op alle
+gelijkelijk steunt.
+
+Gedekte booten worden liefst in zeilen opgehangen.
+
+Een boot moet steeds goed gevernist zijn om het hout tegen slechte
+invloeden van weer en temperatuur te beschutten. Ook is het goed lichte
+booten van tijd tot tijd met vet in te wrijven, daar dit zoowel het
+vernis spaart als het hout tegen scheuren beschut, die door invloeden
+van water en hitte kunnen ontstaan.
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+DERDE HOOFDSTUK.
+
+HET ROEIEN.
+
+
+ 1. _Algemeene opmerkingen._
+
+Geen lichaamsbeweging is er bijna, die zoozeer aanspraak kan maken op
+de goede eigenschap van 't aangename aan 't nuttige te verbinden, als
+'t roeien. Wat is heerlijker dan op een schoonen zomeravond over den
+gladden waterspiegel heen te glijden, en na een snikheeten Julidag te
+luisteren naar het geplas der riemen in het frissche water? Wat is
+gezelliger dan een roeitochtje, waarbij men onder eene frissche, gezonde
+beweging nieuwe streken doortrekt, vreemde dorpen en steden bezoekt?
+
+Groot is daarom 't aantal van hen, die in eene boot hebben plaats
+genomen om dat genoegen te smaken, en die op dien grond beweren te
+kunnen roeien. Hoe weinigen zijn er echter onder hen, die beseffen hoe
+ingewikkeld en moeilijk deze lichaamsbeweging is, wanneer men er zich op
+toelegt om haar correct uit te voeren, wanneer men haar als een sport
+beschouwt!
+
+Het is waar, 't is het lot van de meeste lichaamsbewegingen om aldus
+behandeld te worden. De overgroote meerderheid stelt zich al heel
+spoedig tevreden, en getroost zich de moeite niet om haar in den grond
+te leeren. Maar het sterkst doet zich dit voor bij 't roeien.
+
+Wil men leeren paardrijden, men neemt dan ten minste toch eenige lessen;
+gaat men leeren schaatsenrijden, de moeielijkheden doen zich dan vaak in
+'t begin pijnlijk gevoelen; zoo is 't ook met 't schermen, 't zwemmen en
+zoo vele andere lichaamsoefeningen.
+
+Maar met 't roeien? Wel, men gaat met een vriend, die evenmin ooit
+een riem in zijne handen heeft gehad, in eene tweeriemsboot zitten; de
+eerste slagen gaan dan wel minder goed, maar spoedig toch begint het er
+wat meer naar te gelijken, de riemen komen wat meer gelijk in 't water,
+en heeft men bovendien leeren scheren, dan kan men roeien. Zoo is men in
+twee middagen een roeier.
+
+Wij behoeven zeker niet te zeggen, hoe dwaas het is dit te meenen; maar
+toch met hoeveel menschen gaat het niet op deze wijze!
+
+Het roeien is schijnbaar een zeer gemakkelijke beweging, omdat het zoo
+weinig moeite kost een vaartuig over 't water te doen glijden; maar
+tracht men met een minimum inspanning de grootst mogelijke snelheid te
+verkrijgen, dan eerst wordt het een sport, en wel een edele sport, omdat
+het een zeer groot aantal spieren in beweging brengt, en het lichaam
+harmonisch ontwikkelt. Het aanleeren van dezen sport, aldus beschouwd,
+kost veel moeite en eenigen tijd; en het is vooral zaak al dadelijk
+onder leiding te komen en niet te trachten het zich zelf te leeren, want
+allicht neemt men fouten aan, die later moeilijk afgeleerd worden.
+
+Een goede stijl wordt genoemd die methode van roeien, die de grootste
+resultaten voortbrengt, d. w. z. die met de minst mogelijke inspanning
+de grootst mogelijke snelheid doet verkrijgen. Bij het opsporen naar
+deze beste methode heeft men geput uit de kennis der spieren, en uit
+de natuurkunde; maar de ervaring, de praktijk is hier de voornaamste
+leermeesteres. Het spreekt van zelf, dat deze opsporing niet overal
+dezelfde resultaten heeft gegeven. Ook bij 't roeien heeft men
+verschillende meeningen, verschillende theorin. Maar omtrent een groot
+aantal punten, omtrent de hoofdzaken is men het ns.
+
+Bij 't onderzoek naar de vereischten voor een goeden stijl, heeft men
+zich laten leiden door dit beginsel, dat de krachtsinspanning zooveel
+mogelijk over het geheele lichaam moet verdeeld worden.
+
+Gemakkelijk is 't te begrijpen waarom. Werken slechts weinige spieren,
+dan drukt 't geheele gewicht van den arbeid op deze, en zij zullen niet
+alleen het niet zoo lang volhouden, maar er zal ook lang niet zooveel
+kracht ontwikkeld kunnen worden, als wanneer 't werk door een groot
+aantal spieren verricht wordt. Verdeeling van den arbeid dus, en wel
+naar de juiste maat; elke spier drage bij naar zijne krachten!
+
+Wij zullen trachten naar ons vermogen uiteen te zetten hoe men een
+eerstbeginnende de hoofdbeginselen van 't roeien leert, voor welke
+fouten hij zich vooral moet hoeden, en welke eischen men aan een goeden
+stijl mag stellen.
+
+Maar vooraf nog een raad. Laat hij, die wil leeren roeien, eerst
+leeren zwemmen, zoo hij deze kunst nog niet verstaat. Want hoewel niet
+dikwijls, zoo gebeurt 't toch soms, dat de boot omslaat, en dit gevaar
+bestaat vooral in ons land, waar men veel ruw water vindt. Aan hem,
+die op 't IJ of op de groote rivieren in ons land roeit, is deze raad
+in de eerste plaats gegeven, maar ook aan hem, die door de ligging
+van de plaats, waar zijne roeivereeniging gevestigd is, minder in
+de gelegenheid verkeert om zich op ruw water te begeven. Er zijn
+voorbeelden van 't verdrinken van een groot deel der bemanning door
+'t omslaan van de boot.
+
+
+ 2. _De eerste beginselen van de roeikunst._
+
+Om iemand het roeien te leeren, is het raadzaam hem te plaatsen in
+eene zware tweeriemsgiek met vaste banken. De onderwijzer gaat op den
+stuurbank zitten, als slag neemt een geoefenden roeier plaats in de
+boot, terwijl de leerling den boegriem in handen krijgt. Deze methode
+heeft het voordeel, dat de leerling tegelijk dat hem de lessen worden
+gegeven, de toepassing ervan kan zien; de noodige wenken worden hem
+gegeven, de fouten worden hem aangewezen door den stuurman, terwijl hij
+een voorbeeld vr zich heeft in den slag, die hem de verschillende
+bewegingen vrdoet, en dien hij tracht na te volgen.
+
+Het eerste wat de leerling moet leeren is de _houding_ in de boot. Hij
+plaatst zich midden op het aan den bank bevestigd matje. Dit matje moet
+op zoodanige wijze om den bank worden gebonden, dat men vlak bij het
+boord zit zonder het nochtans met zijn dijen aan te raken.
+
+De voeten worden stevig tegen het spoorplankje aangedrukt, na ze onder
+de voetriemen te hebben geschoven. Daarvoor is het noodig, dat het
+spoorplankje niet te ver verwijderd is, maar juist zver, dat de
+beenen niet geheel gestrekt kunnen worden, en de knien nog iets gebogen
+zijn. Vooral op dit laatste moet de onderwijzer letten, daar ieder
+eerstbeginnende de neiging heeft, om het spoorplankje zoover mogelijk
+van zich af te zetten, ten einde bij het scheren minder last van zijne
+knien te hebben. Toch is 't noodzakelijk voor een stevigen zit en voor
+een veerkrachtigen slag, dat de voeten stevig tegen den spoorplank
+aangedrukt worden, hetgeen alleen mogelijk is wanneer de beenen niet
+geheel gestrekt zijn.
+
+De hielen worden tegen elkander gedrukt en de voeten waaiervormig
+uitgespreid. De beenen worden evenwijdig met de bootskiel gestrekt.
+
+Het bovenlijf wordt volkomen rechtop gehouden, beide schouders op
+gelijke hoogte, en vooral niet naar n kant overhellend; 't gezicht en
+de borst gekeerd naar den achtersteven, met geen der zijden vooruit.
+
+De borst wordt naar boven gewelfd, en de schouders iets naar beneden
+achterwaarts gedrukt, maar zonder overdrijving, zonder zoogenaamden knip
+of deuk in den rug. Het doel moet zijn om de longen en het hart zooveel
+mogelijk ruim en onbekneld te laten werken, zonder toch eene gewrongen
+houding aan te nemen. Hoe meer ongedwongen, hoe vrijer en gemakkelijker
+men zit, hoe beter; want daardoor wordt de werking der spieren
+zuiverder, en kan er meer kracht ontwikkeld worden.
+
+[Illustratie: _Verkeerde greep._ Fig. 5.]
+
+[Illustratie: _Juiste greep._ Fig. 6.]
+
+Na de houding moet de leerling leeren zijn riem vast te houden.
+Onwillekeurig zal hij bij 't roeien wanneer hij eenige kracht wil
+zetten, zijn riem stevig omknellen, zelfs knijpen. (Zie fig. 5.) Dit nu
+is niets anders dan verspilling van krachten, want daardoor worden de
+spieren, nl. die van den benedenarm, gespannen en vermoeid, zonder er
+eenig grooter resultaat mede te verkrijgen. De handen moeten slechts
+dienen als middel om den riem te verbinden aan het lichaam; hoe losser
+dus de riem vastgehouden wordt, hoe beter, en daartoe buige men slechts
+de twee uiterste leden der vingers, waardoor er als 't ware een haak
+gevormd wordt, die zich om den riem slaat; (zie fig. 6) de duim wordt
+onder den riem gehouden en ook slechts met 't uiterste lid er tegen
+aangedrukt. De polsgewrichten mogen volstrekt niet naar beneden gebogen
+worden, want daardoor worden juist de spieren van den benedenarm
+ingespannen, hetgeen van geen nut is, en daarom streng verboden moet
+worden. Het doel moet immers zijn geen spier in te spannen, zonder
+daaruit eenig aan de krachtsinspanning evenredig resultaat te
+verkrijgen. De hand moet dus z gehouden worden, dat zij met den
+arm n rechte lijn vormt.
+
+De buitenhand houdt men geheel aan 't einde van den riem, de binnenhand
+ongeveer 1 d.M. er van af. Daar men met de buitenhand verder moet
+reiken, zoo moet deze nog losser om den riem geslagen zijn dan de
+binnenhand.
+
+Nu gaat de leerling slagklaar liggen, d. i. hij strekt 't lichaam flink
+vooruit, zonder nochtans den rug te krommen, of de schouders te veel
+naar voren te brengen, waardoor zijn hoofd zich als 't ware daartusschen
+verbergt; maar toch moet dit ongedwongen geschieden. Deze houding is
+voor den eerstbeginnende zeer lastig te leeren, want hij zal allicht in
+n van twee uitersten vervallen, f zijn rug krommen en de schouders te
+veel naar voren brengen, f stijf blijven zitten en zelfs een deuk, een
+holte in zijn rug maken.
+
+Maar na eenige oefening zal het hem gelukken de middelmaat te vinden,
+waarbij hij zijn borst vrij laat zonder zijn spieren geweld aan te
+doen.
+
+De armen worden volkomen gestrekt, 't lichaam evenwijdig met de kiel
+naar den achtersteven gericht, niet naar binnen gebogen, en zonder dat
+de buitenzijde mr naar voren komt.
+
+Nu wordt het tijd den leerling de verschillende bewegingen, die
+gezamenlijk 't roeien vormen, te leeren. Is hij slagklaar, dan wordt
+eerst 't blad van den riem juist verticaal in 't water gelaten, door de
+handen even op te lichten. Een punt van groot belang is dat _de stand
+van 't blad juist verticaal is_; noch de holle, noch de bolle zijde mag
+eenigszins naar boven gekeerd zijn; in 't eerste geval zou 't blad, bij
+'t maken van den slag, dadelijk in de diepte verdwijnen, zonder veel
+tegenstand van 't water te ondervinden, en dus in een gedeelte van den
+slag niet de voortstuwende kracht op de boot uitgeoefend worden, terwijl
+het bovendien moeite kost om den riem van uit de diepte weer uit 't
+water te brengen; in het tweede geval zou 't blad niet dadelijk geheel
+in 't water gaan, maar gedeeltelijk er boven blijven rusten, ja, soms
+zal het eerste gedeelte van den slag daardoor in de lucht gemaakt
+worden. Opdat het blad zuiver verticaal in 't water gehouden wordt, is
+het noodig dat de riem goed gevormd en niet gedraaid, het stootleer
+juist aangebracht is, en de trekdol niet scheef achterover staat. Het is
+zelfs wenschelijk, dat de afstand tusschen de dollen van boven kleiner
+is dan onderaan.
+
+Ook noodzakelijk is het, dat _niets meer maar ook niets minder dan het
+blad onder water wordt gestoken_. Komt een gedeelte van den steel ook
+onder water, dan zal grooter moeite ontstaan om den riem uit 't water te
+lichten, zonder dat de voortstuwende kracht grooter wordt, want de dunne
+steel ondervindt bijna geen weerstand van 't water; laat men echter een
+gedeelte van het blad boven water, dan zal de weerstand van 't water
+aanmerkelijk kleiner worden en daarmede ook de voortstuwende kracht.
+
+Nu wordt 't blad van den riem in rechte lijn in horizontale richting
+gelijkmatig door 't water getrokken, door met 't lichaam kalm achterover
+te zwaaien. _De armen worden daarbij volkomen gestrekt gehouden_, zoodat
+de kracht wordt uitgeoefend door de spieren van den rug. Eerst op 't
+einde van den slag, wanneer 't lichaam zijn zwaai volbracht heeft,
+worden de armen gebogen, en de riem tot aan den buik of de borst
+doorgetrokken. Men zorge hierbij steeds den rug niet te krommen, en
+op 't einde van den slag zelfs _de schouders achterwaarts neder te
+drukken_. _Het blad van den riem wordt_, zooals wij reeds zeiden,
+_gedurende den geheelen slag op gelijke hoogte onder het water gehouden
+tot op het einde toe_.
+
+Is de slag gemaakt, dan is 't noodig, ten einde een nieuwen slag te
+beginnen, dat 't lichaam opnieuw naar voren gebogen en de armen gestrekt
+worden.
+
+Om de verschillende bewegingen van 't roeien zuiver te leeren maken, is
+het noodig, dat ze in het begin langzaam en kalm uitgevoerd worden. Door
+ze dadelijk snel en vlug te willen maken, leert men fouten aan.
+
+Dus men ligt met 't lichaam iets achterover en 't handvat van den riem
+tegen den buik of den borst gedrukt. Nu wordt 't blad uit 't water
+gelicht door eene kleine drukking van de handen op den riem ('t scheren
+moet niet dadelijk geleerd worden, maar eerst nadat de leerling de
+bewegingen van 't roeien reeds eenigszins begint te begrijpen, en zich
+wat thuis begint te gevoelen in de boot), daarna worden de armen in ns
+gestrekt, en 't lichaam vooruit gebracht.
+
+Deze tweeledige beweging wordt in de volgende volgorde uitgevoerd: _men
+begint de armen te strekken, vrdat de voorwaartsche beweging van 't
+lichaam wordt gemaakt_, en wel omdat: 1. men veel meer moeite heeft
+de beweging te maken met gebogen armen, dan met gestrekte; ten bewijze
+hiervan beproeve men een zwaar voorwerp of een persoon weg te duwen
+met gebogen armen, en daarna met gestrekte; dan zal men bemerken dat
+'t laatste veel minder inspanning kost; 2. omdat, wanneer de armen
+niet dadelijk gestrekt worden, de knien in den weg zitten, vooral op
+sliding-seats; maar ook op vaste banken, omdat ook hier de knien zich
+bij de voorover strekkende beweging van 't lichaam iets opheffen; 3.
+omdat, wanneer de voorwaartsche beweging wordt gemaakt met gebogen
+armen, 't lichaam zich noodzakelijk over den riem moet heenbuigen, en de
+borst wordt ingetrokken; 4. omdat anders de voorwaartsche beweging op
+'t einde niet langzaam uitloopt, zooals behoort, maar juist op 't laatst
+de grootste snelheid verkrijgt, zoodat zij met een schok moet eindigen.
+
+Wanneer deze beweging is volbracht, laat men het blad van den riem weer
+dadelijk in 't water, zooals hierboven is aangeduid, en begint op 't
+zelfde oogenblik te trekken, niet met een ruk, _maar toch met kracht,
+en met evenveel kracht trekt men den geheelen slag door_.
+
+Zoo maakt 't lichaam een slingerende beweging, evenwijdig met de
+kiel van de boot, zonder bij 't einde van den voorwaartschen of
+achterwaartschen zwaai te rusten. Zoodra de slag geindigd is, wordt de
+riem in n beweging uit 't water gelicht en naar achteren gebracht, en
+ook zoodra hij zijn vlucht boven 't water volbracht heeft, weer dadelijk
+in n beweging ondergedompeld en door het water heengehaald. _Er
+mag geen stilstand in de beweging van den riem zichtbaar zijn, ja,
+schijnbaar moet alles in n onafgebroken loop doorgaan._
+
+Eerst na de eerste lessen komt 't _scheren_ aan de beurt. Dit is het
+naar achteren zwaaien van den riem met 't blad in horizontale houding.
+De moeilijkheid bestaat in 't platdraaien van 't blad. Dit moet op de
+volgende wijze geschieden: Nadat de slag geheel volbracht is, brengt men
+eerst eene drukking met de vingers op 't handvat van den riem teweeg,
+en vlak daarna drukt men er den palm van de hand tegen, waardoor de
+riem van zelf omgedraaid wordt en tegelijk het blad zijn vlucht over
+het water begint. Dit moet noodzakelijk in de aangegeven volgorde
+geschieden. Drukt men eerst den palm van de hand tegen den riem, dan zal
+'t blad zich noodwendig onder water omkeeren, en men "vangt een snoek."
+Worden beide bewegingen tegelijk uitgevoerd, dan zal de onderkant van
+het blad nog even de gelegenheid hebben wat water mede te nemen en door
+de omdraaiende beweging een straaltje in de hoogte te werpen. Dit
+laatste is niet zoo gemakkelijk te vermijden, en zelfs oudere en meer
+geoefende roeiers ziet men het dikwijls doen.
+
+Men moet deze fout echter wel onderscheiden van eene andere veel
+grootere fout, n.l. het naar achter weg werpen van water. Terwijl het
+eerste een gevolg is van incorrect platdraaien van 't blad van den riem,
+is het laatste 't gevolg van een geheel verkeerde houding van den riem
+gedurende 't laatste gedeelte van den slag. Het blad van den riem wordt
+dan gedurende den slag reeds een weinig omgedraaid, zoo dat het niet
+geheel verticaal meer is, daarbij worden de handen niet in n rechten
+lijn naar den borst getrokken, maar in een boog naar beneden gedrukt.
+Zoo wordt met 't blad van den riem een kolom water mede opgelicht,
+en door 't laatste gedeelte van den slag weggeworpen. Dat dit tot
+de grootste fouten in 't roeien behoort, is duidelijk, want door 't
+naar beneden drukken van den riem worden krachten aangewend niet in
+horizontale richting, maar om de boot in 't water neer te drukken;
+bovendien gaat 't laatste gedeelte (hoe klein ook) van den slag in de
+lucht verloren. Nadat de leerling eenigen tijd op vaste banken heeft
+geroeid, en hij zich aangewend heeft bij het begin van den slag zijn
+lichaam flink vooruit te strekken, en bij het einde goed achterover te
+vallen, en de slingerende beweging van het bovenlijf zonder schokken of
+stooten uit te voeren, dan wordt het eerst tijd hem op sliding-seats te
+doen plaats nemen. Hier wordt de beweging meer gecompliceerd, daar nu
+de werking der beenen grooter is dan op vaste banken. Telkens wanneer
+de slag geindigd is en 't lichaam vooruitgestrekt wordt, moet ook 't
+bankje naar voren gebracht worden. Dit laatste mag echter volstrekt niet
+met geweld gedaan worden. Door de voorwaartsche strekking van armen en
+lichaam wordt de stoot gegeven, waardoor 't bankje als 't ware van zelf
+naar voren glijdt. Daarmee willen wij niet zeggen, dat 't vooruitbrengen
+van 't lichaam met een schok moet geschieden, maar _eerst armen en
+bovenlijf, en dan volgt de sliding-seat gemakkelijk en als van zelf_.
+Doet men dit niet op deze wijze, dan zullen de spieren, die langs het
+scheenbeen loopen, spoedig vermoeid worden, en de boot zal eene
+stootende beweging verkrijgen.
+
+Op 't oogenblik dat 't bankje naar voren is gebracht, moet ook 't
+lichaam voorover gestrekt zijn, en op datzelfde oogenblik wordt het blad
+weer in 't water gestoken en een nieuwe slag begonnen. Op de wijze,
+waarop men met de beenen de sliding-seat naar achteren afzet, in verband
+met de achteroverstrekkende beweging van 't lichaam, komen wij later
+terug. Eerstbeginnenden is het vooral zaak op het hart te drukken,
+ook hierbij _geen rukken of stooten te geven, maar gelijkmatig en
+veerkrachtig alle bewegingen van 't roeien uit te voeren_.
+
+Wij gelooven dat het, om 't juist gebruik van de sliding te leeren, den
+beginner aan te raden is om in 't eerst niet de geheele lengte ervan af
+te loopen, maar langzamerhand telkens een grooter stuk ervan te
+gebruiken.
+
+ * * * * *
+
+Wij behoeven bijna niet te zeggen, dat het van 't grootste gewicht is,
+dat de leden van een ploeg _goed maat houden_, dat zij allen op 't
+zelfde oogenblik hun riem in 't water steken en kracht zetten, en ook
+op 't zelfde tijdstip hem er weer uit lichten en beginnen te scheren.
+Wordt dit niet gedaan, dan zal 't totaal van de uitgeoefende kracht
+versnipperd worden, en de boot nu eens naar bakboord- dan weer
+naar stuurboordzijde overgetrokken worden, terwijl bovendien eene
+schommelende beweging van de boot, 't gevolg van ongelijk roeien, niet
+alleen lastig is voor de roeiers, maar ook eene wrijving veroorzaakt met
+'t water, die den gang van de boot tegenhoudt.
+
+ * * * * *
+
+In dit hoofdstuk hebben wij gesproken van het "_snoek vangen_." Dit
+gebeurt f wanneer men den riem na 't eindigen van den slag niet tijdig
+uit 't water kan lichten, f wanneer men bij 't scheren, in plaats van
+'t blad over de oppervlakte van 't water te laten gaan, het ontijdig in
+zijne platgedraaide houding weer in 't water doet vliegen. Het eerste
+geval komt voor, wanneer de riem niet verticaal, maar scheef in 't water
+wordt gestoken, zoodat hij in de diepte verdwijnt; of wanneer men 't
+blad platdraait, vrdat het uit 't water is gelicht. In beide gevallen
+zal de boot een schok krijgen, en zoo de riem niet dadelijk uit de
+dollen wordt gelicht, zullen deze noodwendig moeten breken. Daarom,
+roeier, wanneer 't ongeluk van een snoek te vangen u overkomt, hef dan
+dadelijk 't handvat van den riem met beide handen op, zoodat hij uit
+de dollen gelicht wordt, en door den vaart over 't water langs den
+achtersteven van de boot komt te glijden. Dadelijk daarna wordt 't
+blad van den riem op 't water rustende met eenige kracht naar achteren
+geslingerd, en op deze wijze wordt het met leer bedekte gedeelte weer in
+de dollen gebracht.
+
+Na de beginselen van 't roeien leert men met de boot te manoevreeren.
+Plotseling kan zich iets voor den boeg opdoen, dat de stuurman eerst
+laat ontdekt; dan is 't zaak de boot dadelijk tot stilstand te brengen,
+ten einde eene botsing te voorkomen. Of men heeft zich in een nauw
+vaarwater begeven, waarin 't wenden onmogelijk is, en de weg wordt
+versperd. In het eerste geval moet men kunnen _stoppen_, in het tweede
+_strijken_.
+
+Het stoppen geschiedt aldus: met gestrekte armen en 't lichaam iets
+voorover gestrekt brenge men 't blad van den riem bijna horizontaal,
+maar met de holle zijde iets naar den boeg gericht, in 't water, en
+draaie dan langzamerhand den riem om, totdat de holle zijde geheel naar
+den voorsteven gekeerd is. Daarbij zorge men echter niet op het handvat
+van den riem te drukken, want daardoor wordt het boord naar beneden
+gedrukt.
+
+De bewegingen van het strijken zijn juist de tegenovergestelde van die
+van het ophalen of trekken. Achterover zittende brenge men den riem, met
+de holle zijde van 't blad naar den boeg gekeerd, in 't water, strekke
+de armen en bewege 't lichaam voorwaarts, zoodat het blad door 't water
+geduwd wordt; na 't einde van den slag drukke men den riem iets neer
+en draaie hem plat, schere het blad over 't water door 't lichaam
+achteruit te brengen en de handen tegen de borst te trekken, en beginne
+een nieuwen slag. Ook deze beweging geschiedt gelijkmatig, terwijl
+slechts 't blad van den riem onder water mag gehouden worden. Bij 't
+wenden, wanneer het ne boord ophaalt en het andere strijkt, moeten
+ook de riemen gelijktijdig in 't water komen, en daarbij richten zich
+de strijkende roeiers naar de trekkende.
+
+
+ 3. _Nadere behandeling van sommige punten._
+
+Wij stellen ons voor eenige momenten in de beweging van 't roeien
+uitvoeriger te bespreken, enkele, omdat daaraan veel gewicht moet
+gehecht worden, andere, omdat daarin de meeste fouten voorkomen, weer
+andere, omdat daaromtrent de meeningen zeer uiteenloopen.
+
+De correcte uitvoering van de bewegingen is drom niet alleen
+wenschelijk, omdat 't begaan van een fout ten gevolge heeft verspilling
+van krachten of verkeerde krachtsaanwending, maar ook omdat n fout
+gewoonlijk andere na zich sleept. Het scheef inzetten b.v. van het blad
+van den riem maakt niet alleen dat het eerste deel van den slag verloren
+gaat, maar bovendien wordt het lastiger den riem van uit de diepte weer
+uit 't water te lichten, en dit belemmert de snelle voortwaartsche
+beweging van 't lichaam; de roeier komt daardoor uit de maat, en om
+gelijk te blijven is hij genoodzaakt zijn lichaam minder voorover te
+strekken en dus zijn slag korter te maken.
+
+Indien het blad van den riem niet gedurende den geheelen slag onder
+water gehouden wordt, maar bij het einde half uit 't water gelicht, dan
+zal niet alleen de op de boot werkende voortstuwende kracht verminderd
+worden, maar bovendien door den minderen weerstand van 't water tegen
+het blad, de slag spoediger geindigd zijn dan bij de andere roeiers
+'t geval is, wanneer door allen dezelfde kracht wordt aangewend; zoo
+zal dus ook hier de maat verbroken zijn, en de voorwaartsche beweging
+langzamer moeten zijn om zich als 't ware te laten inhalen, en bij 't
+begin van den slag weer gelijk te zijn.
+
+Vooral zullen eene massa fouten voortkomen uit het verkeerd gebruik
+maken van de armen op het einde van den slag. Zooals men weet, moet
+op het einde van den slag, wanneer het lichaam zijne achterwaartsche
+beweging gemaakt heeft, de riem tot de borst worden doorgetrokken. Dit
+geschiedt natuurlijk door de buiging der armen, maar daarom volstrekt
+nog niet _door de samentrekking van den biceps_. Integendeel, de biceps
+blijft nagenoeg werkeloos, en de beweging wordt uitgevoerd door de
+spieren, die de schouderbladen verbinden met den bovenarm, en de
+spieren, die aan de achterzijde van den bovenarm liggen. Om zich een
+denkbeeld te vormen van de werking dier spieren, stelle men zich voor
+dat men met den elleboog een voorwerp achterwaarts duwt door den
+bovenarm iets voorbij 't lichaam naar achteren te brengen, of dat men
+een achter zich staanden persoon met den elleboog een stomp geeft.
+Dezelfde spieren, die dan in werking komen, gebruikt men ook bij het
+roeien, de bovenarmen worden aangehaald, totdat zij langs en evenwijdig
+met 't lichaam komen te hangen, de benedenarmen dienen hierbij slechts
+als eene verbinding van den riem met de bovenarmen; anders uitgedrukt,
+de hoek bij den elleboog wordt eenvoudig gemaakt door den bovenarm
+achterwaarts te trekken, niet door den benedenarm naar zich toe te
+halen, hetgeen door den biceps geschiedt. (Zie fig. 7).
+
+[Illustratie: Fig. 7.]
+
+Buigt men de armen door de samentrekking van den biceps, dan moeten
+noodzakelijk de ellebogen zijwaarts opgeheven worden, want anders zou
+de riem naar den hals en dus veel te hoog opgetrokken worden. Brengt men
+daarentegen den riem naar 't lichaam door de werking van de spieren over
+de schouderbladen en aan den achterkant van den bovenarm, dan komen de
+armen langs het lichaam, met de ellebogen naar beneden gericht.
+
+Men behoeft dus niets anders te doen dan de armen langs het lichaam aan
+te trekken, om de aangewezen spieren te laten werken, en een krachtig
+einde van den slag te maken.
+
+[Illustratie: Fig. 8.]
+
+Doet men dit niet, trekt men door de kracht van den biceps den riem
+tot de borst, en houdt men bijgevolg de ellebogen zijwaarts opgeheven,
+zooals in fig. 8 is afgebeeld, dan zal 't einde van den slag niet alleen
+veel zwakker zijn, maar, en hiervan zijn wij uitgegaan, deze fout zal
+talrijke andere fouten na zich slepen.
+
+In de eerste plaats zal de borst ingedrukt en de rug gekromd worden
+op 't einde van den slag, juist op 't oogenblik dat de borst 't meest
+moet gewelfd worden. Men kan zich hiervan gemakkelijk overtuigen door
+een niet al te zwakken armstrong te nemen, dien met het ne einde
+ergens aan te bevestigen, en met beide handen aan het andere einde
+den armstrong uit te rekken door de armen, met de ellebogen zijwaarts
+opgeheven, te buigen. Men zal dan duidelijk kunnen bemerken dat de borst
+eene sterke neiging heeft zich in te trekken. Voert men echter dezelfde
+beweging uit met omlaag gehouden ellebogen, dan zal de borst zich
+gemakkelijk en als van zelf opheffen.
+
+Een tweede gevolg van de aangewezen fout is eene langzame en aarzelende
+strekking van de armen na 't uit 't water halen van den riem. Wanneer
+de armen zijwaarts worden gebogen, dan vormen zij bij den elleboog een
+scherper hoek, dan wanneer ze langs het lijf worden aangetrokken; en
+hoe meer de armen zijn gebogen, hoe scherper hoek zij dus maken, des
+te moeilijker wordt ook de strekkende beweging. Deze zal dus langzamer
+zijn, en om den verloren tijd in te halen moet de voorwaartsche beweging
+in 't volgend oogenblik en op 't einde sneller zijn, waardoor schokken
+gegeven worden en de beweging de vereischte gelijkmatigheid en
+veerkracht verliest; of, en dit is even verkeerd, de armen worden niet
+in ns gestrekt, en daarna eerst 't lichaam voorover gebracht, maar
+beide bewegingen beginnen gelijktijdig, zoodat het lichaam zich over
+den riem heenbuigt; wij hebben boven aangeduid, waarom dit verkeerd is.
+
+ * * * * *
+
+Eene andere fout die op 't einde van den slag bedreven wordt en zeer
+veel voorkomt, is _dat de roeier het lichaam tegen den riem optrekt_, in
+plaats van den riem tot de borst door te halen. Dat hierdoor de slag
+aanmerkelijk korter wordt, springt in het oog, maar toch zal degene,
+die die fout begaat, dit zelf niet zoo spoedig inzien. Hij vormt zich
+de illusie een even langen slag te maken als de anderen, daar hij toch
+even ver zijn lichaam vooruitstrekt en achteroverzwaait als dezen, en
+verwondert zich dan, dat hij eerder "klaar" is, maar bedenkt niet, dat
+hij wel zijn lichaam evenver achterover zwaait, maar vrdat de slag nog
+geindigd is, reeds weer aan den riem optrekt.
+
+Deze fout is gewoonlijk een gevolg van overhaasting, of, om 't zoo uit
+te drukken, van de begeerte om zoo spoedig mogelijk weer een nieuwen
+slag te beginnen.
+
+Een ander gevolg van die overhaasting is te groote inspanning van de
+beenspieren, voornamelijk die naast het scheenbeen loopen, bij 't naar
+voren komen. Hierboven is aangewezen in welke volgorde de bewegingen van
+armen, bovenlijf en beenen moeten uitgevoerd worden. Natuurlijk worden
+ze niet elk afzonderlijk uitgevoerd, ze vloeien in elkaar, maar de ne
+moet vr de andere _begonnen_ worden. Hij die 't eerst of gelijktijdig
+met de voorwaartsche beweging van 't bovenlijf zijne beenen aantrekt,
+loopt kans deze laatste te overspannen.
+
+ * * * * *
+
+Wij gaan nu over tot 't belangrijkste moment in de beweging van 't
+roeien, tot 't _begin van den slag_. Het is best mogelijk dat iemand al
+de opgenoemde vereischten voor een goeden stijl in zich vereenigt, dat
+hij eene goede houding heeft, zijn riem op de juiste hoogte in 't water
+houdt, de voorwaartsche beweging van 't lichaam correct uitvoert, en
+dat hij toch als roeier weinig beteekent, omdat hij in 't begin van den
+slag geen kracht zet, en, om zoo te zeggen, den riem een eind door 't
+water laat drijven, vrdat hij er aan begint te trekken. Hij heeft de
+hoedanigheid verkregen om zijne krachten op de meest spaarzame wijze te
+gebruiken, en zoo weinig mogelijk te verspillen, maar hij wendt ze niet
+op het juiste oogenblik aan.
+
+Het is daarom van het hoogste gewicht dat men al dadelijk leert op
+hetzelfde oogenblik, dat 't blad in het water komt, zijne volle kracht
+aan den riem te brengen. Men moet doen, alsof, zoodra 't blad in 't
+water komt, 't bankje van onder zich verdwijnt, en de eenige steunpunten
+voor 't lichaam zijn 't spoorplankje en 't handvat van den riem,
+aan welk laatste men blijft hangen. Die juiste en bliksemsnelle
+krachtsaanwending wordt door de Engelschen van zveel gewicht geacht,
+dat zij legio termen hebben om het denkbeeld uit te drukken: "_Catch
+the water, do all the work at the beginning, lift at the beginning_",
+en nog verscheidene andere. Dus tegelijk dat de voorwaartsche beweging
+is geindigd, worden de handen iets opgelicht, zoodat de riem den
+vereischten steun in 't water heeft, en men hangt dan aan den riem en
+drukt de voeten stevig tegen den spoorplank.
+
+De reden waarom juist in 't begin van den slag de volle kracht gebruikt
+moet worden, is deze: na afloop van elken slag vermindert telkens de
+vaart van de boot, omdat elk licht vaartuig weinig vaart houdt zoodra de
+voortstuwende kracht opgehouden heeft te werken, en bovendien omdat door
+de voorwaartsche beweging van de lichamen of liever door de drukking van
+den riem op den strijkdol de gang gestremd wordt. Dus telkens wanneer
+men een slag begint, heeft de boot zijne minste vaart; op dat oogenblik
+heeft men den meesten "vat" op 't water. Brengt men eerst later zijne
+volle kracht in werking, dan is een sneller achterwaartsche beweging
+van 't lichaam noodig om een even krachtigen druk op 't water uit te
+oefenen.
+
+Daarom, maak gebruik van 't oogenblik waarop gij den meesten steun in
+'t water hebt, waarop gij door een betrekkelijk langzame beweging groote
+kracht kunt uitoefenen.
+
+Het vereischt eene ernstige oefening om op 't juiste oogenblik op ns
+zijne volle kracht aan te wenden, zonder toch een ruk te geven.
+
+Velerlei zijn daarom de fouten, die omtrent dit punt worden
+aangetroffen. Er zijn er, die, zooals wij reeds aanmerkten, eerst nadat
+de riem eenigen tijd in 't water is, hunne volle kracht gebruiken.
+
+Anderen beginnen den slag goed, verslappen echter spoedig en eindigen
+zwak.
+
+Weer anderen pakken 't water goed, rusten in 't midden van den slag wat
+uit, en geven aan 't eind nog een flinken ruk.
+
+Al deze manieren hebben 't groote gebrek dat zij geen volledig gebruik
+maken van den kostbaren tijd, dat de riem in 't water is, en de laatste
+methode nog bovendien dit, dat er rukken gegeven worden. Laat de roeier
+toch begrijpen dat door rukken geen resultaat verkregen wordt evenredig
+aan de krachtsinspanning. Bovenal zij hem op het hart gedrukt, om
+gelijkmatig den riem door 't water te halen, in 't begin van den slag
+reeds met volle kracht, maar zooveel mogelijk tot 't laatste toe die
+krachtsuitoefening voort te zetten.
+
+ * * * * *
+
+_De wijze waarop de roeier van zijn sliding-seat moet gebruik maken._
+
+Wij hebben reeds in de vorige aangewezen op welke wijze men na
+volbrachten slag 't handvat van den riem weer vooruit brengt om een
+nieuwen slag te beginnen, en daarbij als eene zaak van veel gewicht
+er op aangedrongen, dat de handen dadelijk en met vlugheid voor zich
+uitgeworpen worden, en eerst daarna de zwaai van 't lichaam en de
+voorwaartsche beweging van 't glijbankje moeten volgen, en wel in de
+volgorde waarin wij ze opnoemen om deze reden, dat het lichaam zoodra
+het den steun van den riem moet missen, zoo spoedig mogelijk van zijne
+achteroverliggende houding opgeheven moet worden, daar deze houding eene
+vrij groote inspanning van de buikspieren vordert.
+
+Maar nu de trek, de eigenlijke slag: hoe moeten daarbij de bewegingen
+van 't lichaam en van de sliding-seat ten opzichte van elkander zijn?
+De armen kunnen wij hier buiten rekening laten, daar, zooals wij gezien
+hebben, deze eerst gebogen worden op 't einde van den slag, wanneer
+de overige deelen van 't lichaam hunne functin verricht hebben.
+
+We hebben dus alleen te maken met den zwaai van 't lichaam en met het
+strekken der beenen.
+
+Daar de spieren der beenen de sterkste zijn van 't lichaam, zal de
+roeier er allicht toe komen, om bij 't begin van den slag de beenen in
+ns en met kracht te strekken, terwijl 't bovenlijf voorover gebogen
+blijft, totdat 't bankje geheel naar achteren is gebracht, op welk
+oogenblik eerst de zwaai begint.
+
+[Illustratie: Fig 9.]
+
+Deze manier heeft deze twee fouten:
+
+1. Wordt gedurende een groot deel van den slag 't lichaam in
+voorovergestrekte houding gelaten, in welke de spieren van den rug
+met meer moeite den last zullen dragen dan wanneer 't lichaam wat
+achterover gestrekt was. Zelfs zal het dikwijls voorkomen, dat bij
+zulke plotselinge strekking der beenen, 't bovenlijf niet in staat is
+te volgen, maar als 't ware achterblijft, dat tengevolge daarvan de
+schouders naar voren komen en de rug gekromd wordt, dat dus de geheele
+houding van den roeier bedorven wordt.
+
+2. Ook dan, wanneer de goede houding bewaard blijft, werkt de
+langdurige vooroverliggende positie de vrije ademhaling tegen.
+
+~Victor Silberer~ in zijn "_Handbuch des Rudersport_" is daarom eene
+andere methode toegedaan: "eerst het bovenlijf achterover zwaaien,
+en dan eerst de beenen strekken." Dus de beenen worden gedurende
+het eerste gedeelte van den slag in dezelfde stelling gehouden, de
+sliding-seat blijft op dezelfde plaats totdat het lichaam achterover
+gezwaaid is, waarna eerst de beenen gestrekt worden.
+
+[Illustratie: Fig. 10.]
+
+Ook deze methode heeft, naar onze meening hare gebreken, waardoor zij
+niet aanbevelenswaardig wordt.
+
+1. Zal de "catch," 't begin van den slag, bij deze methode, niet z
+flink, niet z krachtig zijn als 't behoort. Met opgetrokken, sterk
+gebogen beenen kunnen de spieren van den rug niet zoo krachtig werken
+als na eenige strekking. En in die onnatuurlijke houding met opgetrokken
+knien wil men hebben, niet alleen dat 't lichaam gedurende eenigen tijd
+blijft, maar ook dat bovenlijf zijne geheele functie zal verrichten,
+totdat het zijne uiterste achteroverhangende stelling heeft ingenomen.
+
+2. Doet zich dit bezwaar voor, dat de beenspieren, de sterkste van het
+lichaam, gedurende een kort gedeelte van den slag, en nog wel op 't
+einde, wanneer de boot reeds weer vaart heeft, het bankje met snelheid
+achteruit stooten, hetgeen allicht de boot doet schokken.
+
+Bij de eerste methode bestond dit bezwaar niet, daar in 't begin van den
+slag de riem den grootsten weerstand ondervindt, en dus, hoe energiek
+de beenen ook werken, het bankje niet met z groote snelheid achteruit
+geschoven kan worden.
+
+Beide genoemde stelsels zijn uitersten; naar onze meening moet er eene
+transactie gesloten worden om de ware methode te verkrijgen.
+
+Zoodra de slag wordt aangevangen, strekken zich de beenen niet in ns,
+noch zwaait 't bovenlijf achterover terwijl de knien opgetrokken
+blijven, maar beide bewegingen geschieden gelijktijdig: het bankje wordt
+langzamerhand achteruit geduwd, terwijl het lichaam zijn
+achterwaartschen zwaai maakt.
+
+[Illustratie: Fig. 11.]
+
+In dit stelsel wordt het lichaam niet gedwongen gedurende een groot
+deel van den slag in onnatuurlijke houding te blijven, daar door eene
+kleine strekking van de beenen de rugspieren al dadelijk gemakkelijker
+kunnen werken, de sterke beenspieren werken mede tot een krachtig
+begin van den slag, terwijl aan den anderen kant ook eene langdurige
+voorovergestrekte houding van het bovenlijf vermeden is. Ook wordt de
+gelijkmatigheid, waarmee de riem door 't water gehaald wordt, door deze
+methode zeer bevorderd.
+
+ * * * * *
+
+Een andere kwestie van belang, waarover de meeningen nog al
+uiteenloopen, is _de mate van snelheid waarmee de riem naar voren
+gebracht moet worden na 't eindigen van elken slag_.
+
+Het beginsel waarvan men uitgaat, is om zoo weinig mogelijk tijd te
+verliezen. Elk overtollig oogenblik dat de riem boven water doorbrengt
+na elken slag, heeft ten gevolge tijdverlies, en maakt dus den tijd
+waarin de baan afgelegd wordt langer. Vandaar dan ook, dat de riem geen
+oogenblik stil mag zijn, noch na 't einde van den slag, wanneer hij uit
+'t water gehaald is, noch vr 't begin van den slag na zijne vlucht
+over 't water. Wanneer de riem slechts 1/10 seconde stil ligt b.v. na 't
+einde van elken slag, dan blijft hij in n minuut, wanneer 40 slagen in
+de minuut gemaakt worden, reeds 4 seconden werkeloos. Zoo krijgt men een
+denkbeeld van 't kolossale tijdverlies, dat op de geheele baan wordt
+geleden.
+
+Dus in geen geval stilstand van den riem. Maar nu welke mate van
+snelheid? Wanneer men alleen rekening hield met het zooeven genoemd
+beginsel, dan zou het wenschelijk zijn om _zoo snel mogelijk_ naar
+voren te komen, omdat men dan zoo weinig mogelijk tijd verliest.
+
+Er zijn echter ook andere factoren van de snelheid van de boot, waarmee
+men rekening moet houden.
+
+1. Zooals wij reeds ter andere plaatse hebben gezegd, verliest de boot
+na 't einde van elken slag door de voorwaartsche beweging van 't lichaam
+telkens een deel van hare snelheid. Hoe sneller nu de voorwaartsche
+beweging van 't lichaam is, hoe grooter de kracht waarmee de gang van de
+boot gestremd wordt.
+
+2. Vordert 't naar voren brengen van 't lichaam eene groote inspanning
+vooral van de buikspieren. Wordt nu deze beweging zoo snel mogelijk
+gemaakt, dan worden genoemde spieren overmatig ingespannen, en daardoor
+de energie, de veerkracht van 't lichaam uitgeput, want men moet wel
+bedenken dat te groote inspanning van sommige spieren terugwerkt op alle
+deelen van 't lichaam.
+
+Zoo moet dus ook alweer hier een middenweg hem trachten te vinden
+door de praktijk, waarbij men zich zal kunnen laten leiden door twee
+hoofdbeginselen van het roeien: 1. Nooit mag de beweging met schokken
+geschieden, 2. Geen deel van 't lichaam mag bovenmatig en buiten
+evenredigheid met de andere deelen ingespannen worden.
+
+ * * * * *
+
+Wanneer iemand begint te leeren roeien, zal de gedurige aanmaning van
+zijn leermeester zijn: "_flink naar voren komen en goed naar achteren
+vallen!_" Hoewel wij deze methode van leeren geenszins afkeuren, omdat
+de leerling steeds eene sterke neiging gevoelt om rechtop te blijven
+zitten, en slechts met de armen te werken, zoodat hij vroegtijdig moet
+gedwongen worden zijn bovenlijf te gebruiken, zoo zal men toch in de
+meeste gevallen zien dat hij na deze aanmaning in zijn ijver veel te
+ver achterover zwaait, en soms ook de voorover strekkende beweging
+overdrijft.
+
+_Tot hoever moet hij nu deze bewegingen uitstrekken?_
+
+In eene boot met vaste dollen zal de voorwaartsche strekking van het
+lichaam van zelf hare grens vinden in het gevaar dat de riem tusschen
+de dollen bekneld raakt. Men zorge dan steeds zoover naar voren te
+komen als maar mogelijk is, zonder in 't begin van den slag met den
+voorkant van den riem tegen den strijkdol aan te komen. Het is echter
+ook mogelijk, dat in eene boot de dollen te ver van elkaar verwijderd
+zijn; in dit geval en wanneer er draaiende gekozen worden, eene
+verzoening gezocht tusschen twee tegenstrijdige beginsels. In theorie is
+het moeilijk te zeggen, welke die middenweg is. Men moet zich wachten
+voor overdrijving van de voorwaartsche beweging. De strekking mag niet
+ontaarden in eene vooroverbuiging, zoodat de rug gekromd, de schouders
+vooruitgebracht, de borst bekneld wordt. Wij hebben het reeds meer
+gezegd, men moet zijn lichaam geen geweld aandoen. Het voordeel van een
+langeren slag weegt dan niet op tegen de groote inspanning om in die
+houding den riem met kracht door 't water te halen.
+
+Ook het achterovervallen mag niet reiken over een zeker punt, van waar
+de roeier zich weer gemakkelijk kan oprichten. Gaat men verder, dan
+zal de lengte van den slag daardoor winnen, maar het hieruit verkregen
+voordeel ook alweer niet in evenredigheid zijn met de vermeerdering van
+inspanning der buik- en lendespieren, die het lichaam weer moeten
+opheffen.
+
+Vaste regels zijn hier echter niet voor te geven; sommige roeiers zullen
+meer naar voren komen, anderen meer achterover vallen, weer anderen
+beide bewegingen in meerdere mate uitvoeren. Dit hangt dan grootendeels
+af van de gewoonte en van de oefening, waardoor zich sommige spieren
+meer ontwikkelen dan andere. Maar in elk geval wake men tegen
+overdrijving.
+
+In nauw verband met het juist gezegde staat _het aantal slagen_ door
+eene ploeg in de minuut gemaakt.
+
+Dikwijls ziet men op wedstrijden of ook wel wanneer als oefening op tijd
+wordt geroeid, de toeschouwers angstvallig letten op het aantal slagen
+in de minuut, en dan hoort men ook veelal uit het grootere of kleinere
+aantal conclusies maken ten nadeele of ten gunste van de ploeg.
+
+Meestal zijn die conclusies geheel ongemotiveerd; men kan in 't algemeen
+uit het aantal slagen geen gevolgtrekking maken over de kwaliteit van
+den roeier. Natuurlijk moet een zoogenaamde "_ratelslag_" evenals een
+luie "_zeurslag_" geen hoogen dunk geven van den roeier; dit ligt
+aan een gebrek in den stijl, hetzij aan overhaasting, hetzij aan
+langzaamheid, gemis aan veerkracht in de bewegingen. Maar het is zeer
+goed mogelijk dat eene bepaalde ploeg in eene zekere boot met 36 slagen
+in de minuut sneller roeit, dan met 38 slagen, als ook andersom.
+
+Daarom is het zoo verkeerd, dat een trainer vooraf bepaalt met hoeveel
+slagen zijne ploeg moet roeien, en aanmerking maakt, wanneer ze een
+kalmer, langer slag aanneemt. Dit kan hij eerst beoordeelen, wanneer hij
+zijne ploeg goed kent, en zelfs door proeven eene zekere ondervinding
+omtrent haar heeft opgedaan.
+
+ * * * * *
+
+Wij laten hier nog volgen eenige regels voorgeschreven door den
+schrijver van "_The principles of Rowing and Steering_", en eenige door
+hem aangewezen meest voorkomende fouten.
+
+"The requisites for a perfect stroke are:
+
+1. Taking the whole reach forward, and falling back gradually a little
+past the perpendicular, preserving the shoulders throughout square, and
+the chest developed at the end.
+
+2. Catching the water and beginning the stroke with a full tension on
+the arms at the instant of contact.
+
+3. A horizontal and dashing pull through the water immediately the
+blade is covered, without deepening in the space subsequently traversed.
+
+4. Rapid recovery after feathering by an elastic motion of the body
+from the hips, the arms being thrown forward perfectly straight,
+simultaneously with the body, and the forward motion of each ceasing at
+the same time.[3]
+
+[3] Wij hebben hierboven in dit hoofdstuk eene andere meening verdedigd.
+
+5. Lastly, equability in all the actions, preserving full strength
+without harsh, jerking, isolated, and uncompensated movements in any
+single part of the frame.
+
+Faults in rowing.--The above laws are sinned against when the rower
+
+1. Does not straighten both arms before him.
+
+2. Catches the water with unstraightened arms or arm, and a slackened
+tension as its consequence; thus time may be kept, but not stroke;
+keeping stroke always implying uniformity of work.
+
+3. Rows round and deep in the middle, with hands high and blade still
+sunken after the first contact.
+
+4. Keeps one shoulder higher than the other.
+
+5. Doubles forward and bends over the oar at the feather, bringing the
+body up to the handle and not the handle up to the body.
+
+6. Strikes the water at an obtuse angle, or rows the first part in the
+air.
+
+7. Shivers out the feather, commencing it too soon and bringing the
+blade into a plane with the water while work may yet be done; thus the
+oar may leave the water in perfect time, but stroke is not kept. This
+and No. 2 are the most subtle faults in rowing, and involve the
+science of shirking.
+
+8. Rolls backward, with an inclination towards the inside or outside of
+the boat.
+
+9. Turns his elbows at the feather instead of bringing them sharp past
+the flanks.
+
+10. Throws up water instead of turning it well aft off the lower angle
+of the blade. A wave thus created is extremely annoying to the oar
+further aft; there should be no wave travelling astern, but an eddy
+containing two small circling swirls."
+
+
+ 4. _Het scullen._
+
+Men zorge er voor, alvorens in eene scullingboot plaats te nemen,
+het roeien met n riem in den grond te kennen. En dan nog is het den
+beginner geraden in eene zware boot met vaste banken te beginnen, daar
+men in eene lichte raceboot reeds aan het bewaren van het evenwicht
+zoozeer zijn aandacht moet wijden, dat de beweging zelve er door op den
+achtergrond zou geraken.
+
+Het is ook wenschelijk dat het materiaal vooraf door een ervaren sculler
+worde nagezien, want hetgeen bij het roeien in 't algemeen over 't
+aanleeren van fouten door slecht materiaal gezegd is (bv. verkeerde
+stand van de dollen, van het stootleer, enz.) geldt in nog grooter
+mate bij het scullen. Men lette hierbij vooral op de voldoende ruimte
+tusschen de dollen, want, daar de hefboom van een scull korter is dan
+van een riem, is de hoek door een scull met de dollen gevormd, ook
+scherper, waaruit volgt, dat de dollen verder van elkander moeten staan,
+zal de scull niet er tusschen bekneld raken.
+
+De vereischten voor een goeden stijl in het scullen zijn dezelfde als
+bij het roeien met n riem. Door de hanteering van twee riemen wordt
+de beweging echter van zelf iets gewijzigd, want men wordt nu niet meer
+gedwongen met de eene hand verder te reiken dan met de andere, en zoo
+ook worden beide handen op 't einde van den slag even ver naar zich toe
+getrokken.
+
+Een punt van onderscheid maakt de lengte van den slag uit. In eene
+scullingboot kan en moet de slag langer zijn dan in eene andere.
+
+Bij de voorwaartsche beweging reeds kan de sculler iets verder reiken,
+daar hij zijne armen naar beide zijden voor zich uitspreidt, zoodat het
+lichaam recht voorover gestrekt kan blijven, terwijl de roeier, wil hij
+zich zoover mogelijk naar voren strekken, in dat geval genoodzaakt is
+zijn lichaam naar binnen te buigen en dan nog zijne armen niet recht
+voor de borst heeft.
+
+Maar het is vooral in de achterwaartsche zwaai dat de sculler zijn slag
+veel langer kan maken.
+
+Zoo de roeier zich te veel achterover geeft, zal het einde van den slag
+zeer zwak zijn, want de hefboom van zijn riem wijst naar zijn borst, en
+moet dus naar den binnenkant van zijn lichaam getrokken worden. Want
+indien het binneneinde van den riem z lang was, dat het handvat naar
+zijne borst getrokken kon worden, ook al was hij evenmin achterover
+gezwaaid, dan zouden al weder zijne armen buiten de richting van het
+lichaam vallen op het oogenblik, dat de riem een rechten hoek met het
+boord vormt, juist op het punt waarop de uitwerking van de ingespannen
+kracht het grootst is. Bij den sculler daarentegen snijden de rechts
+en links werkende krachten elkaar in het middenpunt der breedte van de
+boot, zoodat het lichaam steeds in de richting der kiel kan blijven
+werken, ook al is het nog zoo ver achterover gestrekt.
+
+Eene zaak van gewicht is nog deze:
+
+Bij het scullen is het nog meer noodig dan bij 't gewone roeien, dat
+de armen na het einde van den slag in eens gestrekt worden; de handen
+moeten bliksemsnel naar voren worden geworpen om eene aanraking met de
+knien te voorkomen; voor deze aanraking bestaat nl. bij het scullen
+meer gevaar, daar de handen, niet op gelijke hoogte, maar de een boven
+de andere over de knien worden gebracht.
+
+Deze beweging, juist uitgevoerd, zal de schouders terugbuigen en de
+vrije ademhaling bevorderen.
+
+~Walter Bradford Woodgate~ geeft nog eene andere afwijking aan van de
+regels gegeven voor 't gewone roeien.
+
+Hij zegt nl. dat een sculler op 't einde van den slag niet de sculls
+naar zijn lichaam moet trekken, maar 't lichaam aan de sculls optrekken,
+dus juist iets doen wat bij 't roeien met n riem streng verboden is.
+
+Als redenen voor deze afwijking worden opgegeven de volgende argumenten:
+
+1. Bij het scullen wordt een langer slag gemaakt, het bovenlijf wordt
+verder achterover gezwaaid, zoodat een extra kracht noodig is om het
+weer op te heffen. De buik- en lendespieren zullen dus overmatig worden
+ingespannen, zoo zij niet ondersteund worden, doordat 't lichaam aan de
+riemen wordt opgetrokken.
+
+2. Het gewicht van het bovenlijf wordt, zoodra de sculls 't water
+verlaten hebben, op de lendenen overgebracht. Is nu het lichaam op dat
+oogenblik ver achterover gestrekt, dan zal het gewicht rusten op het
+voorste gedeelte van de boot, waardoor de boeg "_dompt_," 't geen de
+vaart vermindert. Trekt men echter 't lichaam aan de riemen op, dan zal
+het gewicht eerst op de boot drukken wanneer 't lichaam weer een eind
+voorwaarts is opgeheven, en dus niet meer zoover achterover ligt, zoodat
+het gewicht niet zoover vr in de boot komt.
+
+Niettegenstaande onze achting voor de kundigheden van den bekenden
+engelschen schrijver over de theorie van 't roeien, kunnen wij ons toch
+geenszins vereenigen met de door hem voorgestane meening.
+
+Onzes inziens is zijn betoog niets anders dan eene cirkelredeneering.
+
+Zij komt hierop neer: de sculler moet verder achterover zwaaien dan de
+roeier aan n riem; hieruit zullen twee gevolgen voortkomen:
+
+1. Wordt grooter krachtsinspanning vereischt om 't lichaam weer naar
+voren te zwaaien, 2. 't gewicht wordt na 't einde van den slag, zoodra
+de riemen uit 't water gelicht worden, meer naar 't voorste gedeelte van
+de boot verplaatst, waardoor de boeg zal dompen.
+
+Om nu deze beide nadeelige gevolgen te voorkomen, moet dienen de
+aanbevolen beweging, waarbij 't lichaam door de kracht van de armen
+aan de riemen wordt opgeheven, want zoo zal men de voorwaartsche zwaai
+vergemakkelijken, en dus krachten besparen, en tevens 't dompen der boot
+voorkomen.
+
+Volkomen waar; maar men vergeet dan, dat dit alles geschiedt ten
+koste van de lengte van den slag, want stel dat de sculler zijn
+achterwaartsche zwaai maakt totdat zijn lichaam den stand heeft van
+_ac_ op hierbovenstaand figuur, maar hij trekt zich op 't einde van
+den slag aan de riemen op, z dat op 't oogenblik dat zijne handen bij
+zijne borst komen, 't lichaam den stand _ab_ heeft, dan wordt de slag
+niet doorgetrokken tot punt _e_, maar tot punt _d_.
+
+[Illustratie: Fig. 12.]
+
+En waartoe dient nu de achterwaartsche zwaai tot _ac_, wanneer de slag
+er toch niet langer door wordt, dan wanneer de zwaai gegaan was tot
+_ab_? Immers nergens voor; want, hetzij men zich achterover geeft tot
+_ac_, maar zich weer optrekt tot _ab_, hetzij men eenvoudig slechts tot
+_ab_ achterover zwaait, in beide gevallen zal 't gewicht even ver naar
+voren in de boot verplaatst worden, en ook zullen in beide gevallen de
+buik- en lendespieren de voorwaartsche beweging moeten volbrengen van af
+_ab_.
+
+De redeneering van ~Woodgate~ loopt dus in dezen cirkel:
+
+De slag moet langer gemaakt worden van _d_ tot _e_, maar om de daaruit
+voortvloeiende nadeelen te niet te doen, geeft hij middelen aan de hand
+waardoor de slag weer ingekort wordt tot _d_.
+
+Is het dan niet eenvoudiger en drom beter, omdat de verdere zwaai
+achterover bespaard wordt, om slechts tot _ab_ achterover te vallen?
+
+Onze conclusie is dus deze: men moet zver het lichaam achterover
+zwaaien, dat de voordeelen van de meerdere lengte van den slag de
+nadeelen daaruit voortvloeiende nog overtreffen, en niet aan de nadeelen
+trachten te ontkomen door middelen die den slag feitelijk korter maken;
+want dit is met een omweg naar 't doel streven.
+
+ * * * * *
+
+Er doen zich bij het scullen nog eenige eigenaardige moeilijkheden voor,
+waarmede beginners soms zwaar te kampen hebben.
+
+1. De sculls loopen over een afstand van 5 6 cM. over elkaar heen,
+waardoor het in 't begin moeilijk is het tegen elkaar stooten der handen
+te vermijden. De eene hand moet dus hooger dan de andere gehouden
+worden; het is geheel onverschillig welke hand men boven, welke onderaan
+houdt. Maar men werpe ze toch tegelijk naar voren, zoodat de sculls
+tegelijk in 't water komen, en het ook tegelijk weer verlaten.
+
+Om het afglijden der handen te verhinderen, legge men het bovenlid van
+den duim tegen het uiteinde van de scull aan.
+
+2. Door de geringe breedte zal de boot spoedig aan 't "_rollen_" gaan,
+en de sculler zal dit trachten te verhinderen door bij het scheren de
+bladen der sculls over 't water te laten gaan. Dit nu is verkeerd. Bij
+'t einde van den slag moet hij de sculls flink uit het water lichten en
+ze naar achteren brengen zonder de oppervlakte van 't water te raken.
+
+Dit is echter niet gemakkelijk, en eerst na oefening zal men zijn
+evenwicht leeren bewaren.
+
+Dikwijls wordt in het handvat van de scull een of twee ons lood gegoten
+om op het vereischte oogenblik gemakkelijker het blad uit het water te
+kunnen lichten en terug te brengen, zonder de oppervlakte van het water
+aan te raken.
+
+3. Eene kunst die de sculler ook noodzakelijk moet leeren, is: zijn
+vaartuig _in den koers te houden_. In 't eerst zal hij daartoe telkens
+omzien, en zoodoende alras de handigheid verkrijgen om _alleen het
+hoofd_ om te wenden, zonder daarbij met roeien op te houden. Op wateren
+waar weinig of geen scheepvaart is, zal men dikwijls kunnen volstaan
+met de oogen steeds op den achtersteven gericht te houden, nadat men
+dezen eenmaal in de gewenschte richting heeft gebracht. Elke afwijking
+zal terstond in het kielwater zichtbaar worden. Bovendien heeft het
+gadeslaan van den achtersteven dit voordeel in, dat de sculler steeds
+'t werk zijner handen zal kunnen nagaan.
+
+De stuurtoestellen verlichten 't werk zeer, als het noodig is de boot
+weer in de vereischte richting te brengen, maar toch is het beter eerst
+eenigen tijd dit toestel _niet_ te gebruiken. Het gemak, waarmee men
+door een lichten druk van den voet eene afwijking der boot herstelt,
+verleidt den sculler allicht om de gelijkelijke arbeid der handen te
+veronachtzamen, en telkens zijn toevlucht te nemen tot 't stuurtoestel.
+Het roer nu vertraagt den gang der boot door den tegenstand van 't
+water. Hoe minder het dus gebruikt wordt, hoe beter.
+
+Zijn alle moeilijkheden overwonnen en heeft men zich een goeden stijl
+als sculler eigen gemaakt, zoo kan men zich vleien met het bewustzijn
+een hoogen trap van volmaaktheid in de schoone roeikunst bereikt te
+hebben.
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+VIERDE HOOFDSTUK.
+
+HET STUREN EN DE STUURMAN (_coxswain_, _barreur_, _Steuermann_).
+
+
+Evenals men den roeiliefhebber toeroept: "leer zwemmen vrdat gij in
+de boot plaats neemt," raden wij den aanstaanden _stuurman_ aan om te
+leeren roeien alvorens de stuurlijnen ter hand te nemen.
+
+Dikwijls komt het voor, dat iemand, door liefde tot de stuurmanskunst
+aangetrokken, lid eener roeivereeniging wordt en dan maar terstond
+als stuurman in eene boot plaats neemt zonder zich de moeite te willen
+getroosten eerst te leeren roeien; immers, aldus redeneert hij, roeien
+en sturen zijn geheel verschillende kunsten en hebben niets met elkaar
+gemeen.
+
+Wij behoeven zeker niet te zeggen, welke gevaren een ploeg, door zulk
+een stuurman gestuurd, bedreigen.
+
+Daar zit hij dan op den stuurbank in eene gedwongene houding, onbekend
+met de kommando's, bij elken slag met het bovenlijf naar voren
+slingerende, dan naar bakboord dan weer naar stuurboord glijdende, bij
+de minste afwijking van den boeg z hevig aan een der stuurlijnen
+trekkend, dat de boot plotseling veel te ver naar de andere zijde
+vliegt, en bij het minste gevaar aarzelend en gereed om de stuurlijnen
+te laten glippen.
+
+Neen, eerst leeren roeien en dan sturen zij ieder aangeraden.
+
+Een roeier zal, wanneer hij op den stuurbank plaats neemt, zijn
+bovenlijf recht gestrekt houden en zorgen dat de boot niet naar ne
+zijde overhelt, daar hij als roeier geleerd heeft hoe lastig dit voor
+de roeiers is. Hij zal een vast punt in de verte in het oog houden en
+daarop steeds aansturen, daar hij als roeier heeft ondervonden, hoe het
+zigzag sturen de roeiers afmat en den gang der boot vertraagt. Hij zal
+de stuurlijnen steeds gestrekt houden, daar hij hierdoor alleen de boot
+haren rechten koers zal kunnen doen behouden.
+
+Verder moet de stuurman zijne beenen als een Turk gekruist houden en de
+knien zoover mogelijk uitgespreid. Tevens zal hij zooveel mogelijk
+onbeweeglijk zitten en niet elke beweging der boot volgen; dat hij bij
+elken slag door de meegevende beweging van het bovenlijf de snelheid der
+boot zou bevorderen, is louter fictie; immers zal hij bij het einde van
+den slag dezelfde beweging weer achterwaarts moeten maken om zijne
+gewone positie te herkrijgen en dus daarbij ook de snelheid der boot
+weer verminderen. Het eenig gevolg van dat heen- en weerslingeren is
+dus, dat hij door onvast op den bank te zitten de roeiers in hunne taak
+zal hinderen en door onbedoelde rukken aan een der stuurlijnen den gang
+der boot kan belemmeren.
+
+Ieder stuurman behoort verder met de volgende regels bekend te zijn:
+
+1. eene boot, die stroomopwaarts gaat, moet aan den oever blijven en
+elke boot, die zij ontmoet, aan den binnenkant, d. w. z. in het midden
+van den stroom laten passeeren.
+
+2. eene stroomafwaarts varende boot houdt het midden van den stroom en
+laat eene haar ontmoetende boot aan den buitenkant voorbijgaan.
+
+3. eene boot, die eene andere boot inhaalt, moet voor deze uithalen om
+te passeeren, terwijl de ingehaalde boot ongestoord haren koers kan
+vervolgen.
+
+4. ontmoeten twee booten elkaar op niet stroomend water, zoo wijken
+beiden naar stuurboord uit en ieder laat dus de andere aan bakboord
+passeeren.
+
+5. eene boot met stuurman moet uitwijken voor eene boot, die zonder
+stuurman vaart.
+
+6. eene roeiboot moet steeds voor eene zeilboot uitwijken.
+
+7. een tweeriems moet voor een vierriems--een vierriems voor een
+zesriems--en deze weer voor een achtriems uitwijken.
+
+Dit over de plichten van den stuurman in het algemeen.
+
+Thans nog het een en ander over de taak, die hij op wedstrijden heeft te
+vervullen.
+
+Raceroeiers noemen den stuurman wel eens een noodzakelijk kwaad, en
+vooral de Franschen en Belgen schijnen deze meening zeer te zijn
+toegedaan, waarom zij dit kwaad maar zoo klein mogelijk trachten
+te maken en met de kleinste exemplaren van het genus "stuurman" op
+wedstrijden verschijnen. Gewoonlijk zijn het kinderen van 25 30 kilo,
+aan wie in die landen op wedstrijden het roer wordt toevertrouwd. Dat
+zulk een knaap slechts pro forma in de boot zit ingevolge het reglement,
+dat een wedstrijd voor "booten _met_ stuurman" heeft uitgeschreven,
+spreekt van zelf, daar de slag in werkelijkheid het bevel voert en hem
+gedurende den ganschen kamp instructies moet geven.
+
+Het voordeel van dezen maatregel ligt voor de hand: de roeiers hebben
+minder ballast mee te trekken en de snelheid der boot kan daardoor
+grooter zijn.
+
+Doch ook de nadeelen, die uit die instelling voortvloeien, zijn niet
+gering te schatten.
+
+Zoo de wedstrijd op een water, dat zeer onstuimig is of waar vele
+vaartuigen de baan her- en derwaarts doorkruisen, plaats vindt, zullen
+kinderen al zeer slechte leiders zijn op dat moeilijke pad, en
+ongelukken zullen allicht voorkomen.
+
+Een goed stuurman kan door eene juiste kennis van den invloed van wind
+en stroom op den gang der boot zijn ploeg menigen omweg en veel
+krachtsinspanning besparen.
+
+Wanneer wij bedenken, hoevele wedstrijden met eene bootslengte of minder
+gewonnen zijn, dan is het duidelijk, dat een goed stuurman, die de boot
+iedere afwijking, hoe gering ook, bespaart, en van elken gunstigen
+toestand van wind of stroom onmiddellijk partij weet te trekken, in
+vele gevallen voor een groot deel tot de overwinning heeft bijgedragen.
+
+En hoe kan men dit van een kind eischen? Hoe kan men in een kind die
+tegenwoordigheid van geest, dien vasten wil, dat vlug begrip verlangen,
+die zoo noodzakelijk zijn tot het vormen van een racestuurman in den
+waren zin van het woord? Wij herinneren den lezer slechts aan de wijze,
+waarop door belgische ploegen op wedstrijden de boeien worden gemaakt,
+waarbij zij steeds een eind tegen nederlandsche ploegen verliezen.
+
+Ook zouden wij er op kunnen wijzen, hoe bespottelijk het is op
+wedstrijden in genoemde landen den slag voortdurend tegen zijn "petit
+barreur" te hooren schreeuwen en onophoudelijk te zien omkijken, in
+plaats van op het tempo zijner slagen en de conditie zijner mederoeiers
+te letten. Door dat geschreeuw n van den slag n van den stuurman, die
+zonder ophouden zijn "tirez donc" laat hooren, worden ook de ooren der
+toeschouwers op een allesbehalve welluidend concert vergast.
+
+Neen, in dat opzicht is het in Nederland beter.
+
+De gecombineerde vergadering van alle nederlandsche roeivereenigen, in
+1885 te Amsterdam gehouden, heeft besloten, dat op onze wedstrijden
+slechts stuurlieden worden toegelaten, die minstens 60 kilo wegen,
+zoodat hierdoor het kwaad voorkomen wordt, dat sedert jaren in Frankrijk
+en Belgi voortwoekert.
+
+Het is dus wel te verwachten, dat men binnenkort in Belgi ons voorbeeld
+volgen en een niet te laag minimum-gewicht voor den racestuurman zal
+vaststellen.
+
+Het is namelijk noodzakelijk, dat deze taak door iemand wordt
+waargenomen, die in staat is met vaste hand den koers der boot te
+bepalen, van elk voordeel partij te trekken, den roeiers op den
+wedstrijd moed kan inboezemen en hen, zoo zij verslappen, met nieuwe
+krachten weet te vervullen en tot de uiterste inspanning aan te sporen.
+
+En in dat geval, is de stuurmanskunst eene edele kunst en kan de
+stuurman met evenveel recht trotsch zijn op zijne behaalde medaille als
+de roeier op de zijne.
+
+Verkiest men echter zonder stuurman te roeien, zoo kieze men
+wedstrijden voor booten, die door een der roeiers worden gestuurd, doch
+trachte niet den edelen roeisport te verlagen door gehuurde kinderen in
+de boot te nemen en aldus een voordeel op zijne tegenpartij te erlangen.
+
+In vele landen is het roeien in booten, voorzien van een _stuurtoestel_,
+(_steering-apparatus_), reeds doorgedrongen.
+
+Het is eene amerikaansche uitvinding, die het gemis van een stuurman
+mogelijk maakt door diens taak aan een der roeiers op te dragen. Op de
+spoorplank van een der roeiers namelijk is een toestel aangebracht, dat
+met de stuurlijnen in verband staat en den roeier in staat stelt de boot
+met zijne voeten naar rechts of links te wenden.
+
+Er zijn drie soorten van dit stuurtoestel, die allen, hoewel in
+hoofdzaak aan elkaar gelijk, in samenstelling een weinig verschillen.
+Het beste wordt vervaardigd door ~Searle & Sons~ te Londen.
+
+Het spreekt van zelf, dat het gebruik van dit toestel van den roeier
+groote vaardigheid vereischt, zoodat het in eene meerriemsboot
+gewoonlijk aan den bekwaamsten roeier wordt opgedragen.
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+VIJFDE HOOFDSTUK.
+
+ Multatulit fecitque puer, sudavit et
+ alsit, abstinuit venere et vino.
+
+DE TRAINING.
+
+
+Een enkel woord vooraf over de keuze der roeiers en over de
+samenstelling van eene ploeg is hier op zijne plaats. Dikwijls wordt
+bij de samenstelling van eene raceploeg meer gelet op physieke kracht
+dan op vaardigheid in 't roeien. Men gaat dan van 't denkbeeld uit,
+dat degenen, die men gekozen heeft om hunne sterke spieren, met eenige
+oefening zich een goeden stijl wel eigen zullen maken.
+
+Het is gemakkelijk aan te toonen dat deze wijze van handelen onjuist is,
+en wel om de eenvoudige reden dat de grondstelling waarvan men uitgaat,
+nl. dat ieder door oefening eene goede methode van roeien zich zal
+kunnen eigen maken, met de waarheid in strijd is. Er zijn er, die nooit
+leeren roeien, er zijn er ook, die slechts door langdurige oefening het
+tot op een zekere hoogte brengen.
+
+Daarom is het raadzaam in de 1e plaats te letten op den aanleg voor en
+de vaardigheid in 't roeien, en slechts in de 2e plaats in aanmerking te
+nemen de physieke kracht.
+
+Overigens is over de lichamelijke vereischten voor een roeier weinig
+te zeggen. Het spreekt van zelf dat goede longen en een normaal werkend
+hart onmisbaar zijn. Heeft men die niet, dan is zelfs eene proefneming
+om de vermoeienissen der training te doorstaan reeds gevaarlijk voor
+de gezondheid, terwijl de ploeg door het uittreden van een der leden
+gedupeerd is, daar men nu met een ander opnieuw zal moeten beginnen te
+oefenen.
+
+Twijfelt men daarom maar eenigszins aan de volkomene gezondheid van een
+der genoemde organen, dan doet men goed zich vooraf door een medicus te
+doen onderzoeken.
+
+Groote spierkracht, wij hebben het reeds gezegd, is geen
+hoofdvereischte. Tot bewijs van deze bewering beroepen wij ons op het
+feit dat zoovele groote roeiers van mindere lichaamskracht zich den baas
+hebben getoond van anderen, die over veel grooter physieke kracht konden
+beschikken. Een treffend voorbeeld is geweest ~Robert Coombes~, een man
+van zeer kleine gestalte en slechts 56 K.G. wegende, die in 1846 het
+Championnaat van Engeland won, en de eerste roeier van zijn tijd was.
+En nemen wij ~Hanlan~ zelf, welk verschil van lichaamskracht bestaat er
+niet tusschen hem en ~Trickett~, ~Laycock~, ~Ross~ en andere reuzen,
+die allen voor hem 't onderspit moesten delven. En ook onder de
+eerste amateurs kennen wij immers roeiers die, ten opzichte van hun
+lichaamskracht, niet boven 't middelmatige gingen, b. v. ~Mr. Lowndes~
+van Oxford, die eenige jaren het Championnaat van de Thames wist te
+veroveren.
+
+Maar hiermede willen wij geenszins aantoonen dat groote spierkracht van
+geen nut is. Zeker zal, wanneer bij 2 roeiers alle voordeelen gelijk
+zijn, de grootere kracht bij den n de schaal naar zijn kant doen
+overhellen. Maar ze is niet van zooveel gewicht als men over 't algemeen
+gelooft, en in geen geval kan ze in de plaats komen van 't gemis aan
+eene goede methode van roeien. Men zorge echter bij de keuze van roeiers
+niet gedecideerd zwakke personen te nemen, daar het noodig is dat ze
+gedurende elken slag op zich zelf den riem gemakkelijk door 't water
+halen; anders kan men niet verwachten dat ze diezelfde beweging
+honderden malen zullen kunnen herhalen.
+
+Aangeboren taaiheid strekt tot aanbeveling.
+
+Ook geeft eene lange, slanke gestalte een voordeel bij het roeien,
+omdat men dan om een even grooten slag te maken als door iemand van
+korter, meer ineengedrongen lichaamsbouw wordt gemaakt, zijn lichaam
+minder voorover en achterover behoeft te strekken, en dus vanzelf
+gemakkelijker roeit.
+
+Na de keuze der roeiers gaat men over tot de aanwijzing van ieders
+plaats in de boot. Hierbij zijn eenige regels in acht te nemen. Als
+slagroeier (_strokeman_, _chef de nage_, _Schlagmann_) kieze men den
+besten roeier, of hem, die door meerdere geoefendheid boven de anderen
+uitmunt. De slagroeier is 't, die de grootste verantwoordelijkheid in
+de boot draagt. Vertraagt hij zijn tempo, verliest zijn slag de noodige
+veerkracht, noodwendig moet dit terugwerken op de anderen, want ze
+moeten hem volgen, en al waren ze de beste roeiers der wereld, ze kunnen
+er niets aan doen.
+
+Ook zijn kalmte en koelbloedigheid zeer gewenschte eigenschappen in hem,
+om dezelfde reden, dat hij 't tempo moet aangeven. Een zenuwachtige slag
+heeft dikwijls een wedstrijd doen verliezen, evenals kalmte en beleid
+hem vaak doen winnen. Te gelegener tijd uitgevoerde "_spurtjes_", het
+juist gebruik maken van zwakke oogenblikken van de tegenpartij, zijn
+dikwijls beslissend geweest op een race tusschen ongeveer gelijkstaande
+ploegen.
+
+In die oogenblikken is het de taak van de overige leden der ploeg, maar
+vooral van den 2en slagroeier, om oogenblikkelijk 't veranderd tempo
+te volgen; geen halve slag mag daardoor ongelijk worden, op 't zelfde
+oogenblik dat de slagroeier zijn tempo verandert, moeten de overigen dit
+als een elektrischen schok voelen; wij herhalen het, in de 1e plaats de
+2e slagroeier, want volgt hij niet, dan zullen alle stuurboordroeiers
+eveneens achterblijven; hij is als 't ware de slagroeier aan stuurboord.
+
+Bij de aanwijzing van ieders plaats komt 't gewicht in aanmerking. Het
+grootste gewicht moet in 't midden der boot gelegd worden, dus in een
+vierriemsgiek zijn 2e slagroeier en 2e boeg de zwaarste personen, zoo 't
+kan de 2e slag nog zwaarder dan de 2e boeg. De boeg (_bow_, _brigadier_,
+_Bug_) is de lichtste, terwijl de slagroeier minder gewicht moet hebben
+dan de twee in 't midden der boot gezetenen. De gewichtsverdeeling
+is echter niet van overwegend belang; stel dat iemand door zijn
+regelmatig tempo, etc., de meeste geschiktheid bezit als slagroeier,
+maar tevens de zwaarste van de ploeg is; dit laatste zal dan geen
+verhindering mogen zijn om hem als slag te doen plaats nemen. Eerst
+wanneer een tweede, wat die geschiktheid betreft, met hem gelijk staat,
+zal de gewichtsverdeeling in aanmerking mogen komen. 't Gewicht aan
+bakboord moet ongeveer gelijk zijn aan dat aan stuurboord; anders zou
+de boot naar n kant "overliggen", hetgeen alleen verholpen kan worden
+doordat de stuurman meer naar den kant van 't minste gewicht gaat
+zitten. Behalve dat dit laatste nadeelig voor de boot is, heeft het nog
+dit inconvenient dat de stuurman bij de minste schommeling van de boot
+door wind of golven weer naar 't midden van zijn zitplaats zal glijden,
+in welk geval 't evenwicht weer verloren is.
+
+Een punt aan groot belang is dat de krachten aan stuurboord en aan
+bakboord zooveel mogelijk gelijk zijn, zoodat, wanneer 't roer
+losgelaten wordt, de boot eene rechte lijn volgt en geen van beide
+boorden, zooals 't heet, "_overgetrokken_" wordt. Duidelijk is het,
+waarom.
+
+Trekt een van de boorden over, dan ziet de stuurman zich genoodzaakt
+voortdurend 't roer naar n kant om te halen, hetgeen met meer of
+mindere kracht voortdurend het vaartuig in zijn gang tegenhoudt.
+
+ * * * * *
+
+Zijn de roeiers gekozen, is ieders plaats in de boot aangewezen, de
+ploeg kan dan "_in training_" gaan. De beteekenis van 't engelsche woord
+"_to train_" is africhten; hij, die de handeling pleegt is _de trainer_.
+
+In Engeland is dit gewoonlijk een "_professional_" (d. i. iemand, die
+van een zekeren tak van sport, in casu van 't roeien, zijn beroep, zijne
+broodwinning heeft gemaakt) of een gewezen _professional_, die in dienst
+treedt bij eene roeivereeniging, om de ploegen voor de wedstrijden af te
+richten, door hun, bij de oefeningen en bij hunne levenswijze met raad
+ter zijde te staan en het noodige toezicht over hen uit te oefenen.
+Ook in Duitschland is bij de groote roeivereenigingen de gewoonte om
+trainers in dienst te nemen, heerschende, en in Frankrijk en Belgi niet
+onbekend.
+
+In Nederland echter heeft ze nog geen ingang gevonden, hier worden de
+jongere roeiers geoefend en getraineerd door hunne oudere collega's,
+leden of eereleden van de vereeniging. Het behoeft nauwelijks gezegd te
+worden dat eerstgenoemd gebruik veel voor heeft. De in dienst genomen
+trainers toch zijn niet alleen beproefde roeiers, of het geweest, maar
+bovendien menschen die er hun beroep van maken om de fouten in eens
+anders methode te ontdekken, en in de roeikunst onderwijs te geven. Dit
+nu is eene kunst op zich zelf.
+
+Het doel van de training is natuurlijk om de ploeg in den toestand
+te brengen waarin zij haar toppunt heeft bereikt, en de baan in den
+kortst mogelijken tijd aflegt. De engelschen zeggen dan dat men "_in
+condition_" is.
+
+Daarvoor is noodig dat de roeiers reeds vrdat de training begint, goed
+kunnen roeien. Het is een zeer verkeerd begrip, dat ze dat gedurende de
+training wel kunnen leeren. Daarvoor is de tijd te kort; men moet dan
+de laatste hand aan 't werk leggen, om zoo te zeggen, de puntjes op de
+i zetten. Het spreekt van zelf, dat vooral bij jonge roeiers gedurende
+de training de stijl zich aanmerkelijk nog zal verbeteren, maar men
+mag het daarop niet aan laten komen, ze moeten reeds vr dien tijd
+geoefende roeiers zijn.
+
+De training dient: 1. om van de verschillende roeiers n geheel te
+maken. Het is mogelijk dat ieder op zich zelf goed is, maar de ploeg
+slecht; 2. om de taaiheid der spieren, de kracht der longen en het
+weerstandsvermogen van 't hart tot op 't maximum te brengen, dat ieder
+der roeiers voor zich bereiken kan.
+
+Om dit doel te bereiken, moet men zich dagelijks vele vermoeienissen
+getroosten, vele genietingen ontzeggen. Hieraan is 't dan ook toe te
+schrijven, dat zoo velen zich niet aan het rgime willen onderwerpen.
+Want dat er zijn, die van de training weinig zouden verwachten, kunnen
+wij niet gelooven, wanneer de resultaten zoo helder aan den dag komen,
+niet alleen op 't gebied van de roeisport, maar ook van de andere takken
+van sport. Wanneer wij zien dat ~Axel Paulsen~, om wien te Leeuwarden
+op zijne oefeningen de Friezen, als spreeuwen om een kraai, cirkels
+beschreven, op den wedstrijd op de lange baan met glans overwon, wanneer
+wij hem bewonderen als hij op het laatst even hard rijdt als in 't
+begin, dan is 't onmogelijk dat wij in ernst over de training minachtend
+de schouders ophalen. Moeten wij niet veeleer denken aan gemis aan
+wilskracht, aan gemakzucht?
+
+In hem, die het wel aardig vindt aan een wedstrijd deel te nemen, en
+dit als een grap beschouwt, kunnen wij het verschoonen, dat hij zich
+niet aan de ontberingen wil onderwerpen, en zich niet al te veel moeite
+getroost. Maar den echten liefhebber van den sport strekt het tot
+schande!
+
+ * * * * *
+
+Welke zijn nu de middelen om het bovenomschreven doel te bereiken?
+Wanneer wij de handboeken over den roeisport opslaan in het hoofdstuk
+over de training, dan vinden wij daarin een overvloed van voorschriften,
+die in de kleinste bizonderheden de dagverdeeling en de levenswijze der
+roeiers in training aangeven. Behalve dat meestal hierdoor te weinig
+rekening wordt gehouden met 't verschil in lichaamsgesteldheid, in
+krachten, in gewoonten van de verschillende roeiers, heeft deze wijze
+van behandeling bovendien deze grove fout, dat de geheele regeling te
+bezwarend, ja onuitvoerbaar wordt. Het is daarom ons doel in de volgende
+regelen aan te geven eene wijze van training, die het minst mogelijk
+afwijkt van de dagverdeeling, levenswijze en gewoonten in Nederland
+in zwang. Ieder wijzige deze naar zijne bizondere bezigheden, die hem
+verhinderen haar juist te volgen, zooals ze hier zal worden aangegeven.
+
+Ter bevordering van de regelmaat zullen wij de in acht te nemen
+voorschriften in 3 cathegorien verdeelen.
+
+In de eerste plaats komt in aanmerking _de oefening in de boot_.
+Noodzakelijk is 't hieraan de grootste zorg te besteden. Om het grootst
+mogelijke nut van deze oefeningen te trekken moet men ze niet te snel
+op elkander doen volgen. Twee oefeningen daags, ieder van 1 uur, zijn
+wenschelijk, een des morgens en een des avonds (daar bij ons alle
+wedstrijden in den zomer plaats hebben). De slag zorge er voor, vooral
+in de eerste week der training, een niet te snel tempo aan te geven,
+maar zulk een, dat door allen gemakkelijk gevolgd kan worden. Men moet
+nog leeren gelijk roeien, men moet aan elkander gewennen en eenigszins
+dezelfde manier van roeien verkrijgen; daarvoor is 't vooral noodig dat
+men niet overhaast wordt. Gaat 't niet goed, dan is 't raadzaam om een
+oogenblik te rusten; in 't algemeen is 't wenschelijk op de oefeningen,
+na de helft van den afstand afgelegd te hebben, 10 min. of een kwartier
+te rusten. Men zal dan dikwijls bemerken, dat op den terugtocht beter
+geroeid wordt dan bij 't heengaan.
+
+Is er meer gelijkheid in de bewegingen van de roeiers gekomen, dan worde
+het tempo versneld, en sommige kleine afstanden mogen zelfs met groote
+krachtsinspanning geroeid worden.
+
+Men ga er echter niet te spoedig toe over een baan op tijd te roeien;
+dit bederft den stijl en vergt te veel van de krachten der roeiers.
+Eerst wanneer de roeiers aan elkaar gewoon zijn geraakt, en een paar
+weken van de training achter den rug zijn, dan mag er "_een baantje
+geroeid worden_." Maar dit mag niet te dikwijls herhaald worden, want
+eene lange oefening van 1 uur is als regel veel beter.
+
+Het is o. i. nuttig dagelijks een "_start_" te maken, en gedurende 1 of
+2 min. het versnelde tempo te behouden. Maar men beginne ook hiermede
+eerst nadat de ploeg eenige vorderingen gemaakt heeft.
+
+Overigens is er weinig te zeggen van de wijze waarop in de boot geoefend
+moet worden. Veel hangt af van de krachten der roeiers. Hiermede vooral
+moet de trainer te rade gaan, en ook de bemanning zelve moet beoordeelen
+hoeveel zij van haar krachten kan vergen.
+
+Maar wij wenschten toch, vooral voor jonge roeiers, een raad te geven:
+men denke niet dat hoe grooter de dagelijksche arbeid is, des te
+sterker de ploeg wordt, want het gevaar voor overspanning is dan
+groot. Werkelijk, 't is geen zeldzaam geval, dat men op 't einde van
+de training zwakker wordt, omdat men "overtrained" is; en dit is dan
+meestal 't gevolg van 't overmatig baantjes roeien.
+
+De groote moeilijkheid, die zich bij de training voordoet, is juist
+deze, dat men moet ontwijken twee klippen, aan den eenen kant te slappe
+oefening, aan den anderen kant overspanning, in n woord, men moet
+nabij komen aan het maximum, dat van ieders krachten kan gevergd worden,
+zonder hem af te matten.
+
+Als tweede middel tot oefening van de spieren, maar vooral van hart en
+longen, diene het _hardloopen_.
+
+Ook hiervoor geldt natuurlijk de waarschuwing tegen overspanning. Men
+beginne daarom met slechts eenige minuten in kalmen draf te loopen,
+en telkens op te houden, wanneer de ademhaling te moeilijk wordt.
+Langzamerhand worden de afstanden grooter, en sommige daarvan met
+grooter snelheid afgelegd. Op deze wijze gebruike men des morgens daags
+een uur. Maar deze oefening mag geen afbreuk doen op de oefening in de
+boot; zoodra men bemerkt dat men spoedig vermoeid wordt bij het roeien,
+moeten de oefeningen in het hardloopen ingekort worden.
+
+Zoowel door de oefening in de boot als door 't loopen verliest men 't
+overtollige vet. Dit is bevorderlijk voor de vrije werking van hart en
+longen, en ook van de spieren.
+
+Maar wij houden het voor bepaald nadeelig om nog bovendien kunstmatig te
+doen zweeten door b.v. na het hardloopen in bed onder de dekens te gaan
+liggen, waardoor de transpiratie nog eenigen tijd wordt voortgezet,
+zooals door sommigen (o. a. ~Victor Silberer~) wordt aangeraden. Op
+deze wijze verliest men krachten, zonder dat de spieren, zooals bij
+het natuurlijke zweeten 't geval is, door de gezonde oefening worden
+gestaald. Bovendien wordt door strenge training, op de wijze zooals
+hierboven is aangewezen, van zelf het vet tot een minimum
+teruggebracht.
+
+Tot de derde cathegorie brengen wij de regels en voorschriften omtrent
+de _levenswijze_ en het _dieet_ gedurende de training in acht te nemen.
+
+Eene geregelde levenswijze, vroeg naar bed en vroeg op, is eerste
+plicht. Het spreekt van zelf dat na den vermoeienden dagelijkschen
+arbeid het lichaam eene flinke rust noodig heeft. Veel hangt ook hier af
+van ieders gewoonte; een bepaald aantal uren is daarom niet als regel
+aan te geven, maar ieder zorge volkomen uitgerust des morgens op te
+staan, zonder nochtans uit luiheid na voldoenden slaap in bed te blijven
+liggen.
+
+Wat het te gebruiken voedsel betreft, zijn alle vet aanzettende spijzen
+verboden, en moeten de krachtige spieren vormende gerechten gezocht
+worden. Zoo zijn rundvleesch en des morgens bij 't ontbijt eieren
+als hoofdvoeding te gebruiken. Ook bladgroenten zijn aan te raden;
+daarentegen aardappelen, zetmeelinhoudende groenten, als boonen, erwten,
+enz. kortom alle meelspijzen af te raden.
+
+Ook vette kost, als varkensvleesch, en ook al te versch brood is
+nadeelig.
+
+Eene hoofdzaak bij de training is de onthouding van allerlei
+genietingen; maar tevens zijn de voorschriften hieromtrent gegeven, die,
+welke het meest overtreden worden, en waarbij men helaas! geneigd is
+groote toegevendheid jegens zich zelven te betoonen.
+
+Dat de omgang met het andere geslacht streng verboden is, laat zich
+gemakkelijk begrijpen. Vele krachtige sappen worden dan door het lichaam
+verloren, die het onmogelijk missen kan, want, wij hebben het reeds
+gezegd, dagelijks wordt het maximum krachtsinspanning van het lichaam
+gevorderd; en het is onzin te beweeren, dat men door wat meer voedende
+spijs te gebruiken de krachten kan herstellen, want ook de maag moet
+reeds het maximum arbeid verrichten, reeds zooveel voedsel wordt
+opgenomen, als mogelijk is zonder oververzadigd te worden.
+
+Dat 't gebruik van sterken drank en het rooken uiterst nadeelig is, het
+is eene algemeen bekende zaak; 't eerste omdat het 't bloed te snel in
+beweging brengt, het tweede omdat 't nadeelig op de longen werkt. Deze
+moeten zooveel mogelijk zuivere lucht inademen; vandaar ook dat 't aan
+te raden is, gedurende de training zooveel mogelijk in de open lucht te
+zijn.
+
+Bier is nog bovendien om deze reden verboden, omdat het vet aanzet.
+'t Gebruik van een enkel glas wijn, wij kunnen het eerder goed- dan
+afkeuren, vooral bij het middagmaal en dan aangelengd met een weinig
+water, omdat het in dezen vorm den dorst meer lescht dan zuiver water.
+
+Dikwijls ziet men roeiers in training na afloop van hunne oefeningen
+groote hoeveelheden water drinken; en dit is zeer begrijpelijk, omdat
+men door 't zweeten soms een bijna onlijdbaren dorst verkrijgt; en toch
+is 't zeer verkeerd daaraan zonder eenigen tegenstand toe te geven. Men
+drinke nooit een glas in n teug leeg; dit lescht den dorst niet, een
+oogenblik daarna gevoelt men weer bijna evenveel behoefte, en op deze
+wijze wordt de maag gevuld met plassen vloeibare stoffen, terwijl de
+beschikbare ruimte, om 't zoo uit te drukken, gebruikt had moeten worden
+tot opneming van krachtige spijzen. Een goede raad is 't om bij 't
+drinken slechts kleine slokjes van tijd tot tijd te nemen; op die manier
+wordt de dorst gestild door eene betrekkelijk kleine hoeveelheid. De
+ondervinding heeft ons zelf geleerd welk verrassend resultaat men door
+deze wijze van handelen kon verkrijgen. Gingen wij op eerstgenoemde
+wijze te werk, door met groote teugen te drinken, dan waren wij
+nauwelijks tevreden met 7 8 glazen water bij het middagmaal. Later
+zagen wij in dat dit nadeelig was, en bemerkten toen, dat door de
+hierboven aanbevolen methode reeds 3 glazen onzen dorst konden lesschen.
+
+De vraag, welke de duur van den trainingtijd moet zijn, is niet in 't
+algemeen te beantwoorden. Het hangt van verschillende omstandigheden af.
+In de eerste plaats van de lengte van de baan, die op den wedstrijd
+afgelegd moet worden. Is deze kort, dan kan men volstaan met een korter
+trainingtijd; is hij daarentegen lang, dan is ook eene langdurige
+training noodig om "_in conditie_" te komen. Verder hangt de
+beantwoording van de vraag af van de meerdere of mindere geoefendheid
+der roeiers. Hebben deze reeds meermalen op wedstrijden medegedongen, en
+dus reeds meermalen eene training medegemaakt, dan zullen ze eerder in
+conditie zijn dan 't geval is met jonge roeiers, die voorzichtiger
+behandeld moeten worden, kalmer moeten beginnen, en daarom langer tijd
+noodig hebben. Onzes inziens zou als middelmaat kunnen dienen de tijd
+van 6 weken. Maar in alle geval moeten allen reeds voor de eigenlijke
+training geregeld eenigen tijd eene dagelijksche oefening hebben gehad,
+daar 't lichaam anders niet voldoende in staat is om plotseling zulk
+eene zware inspanning te verdragen. De overgang zou dan te schielijk
+zijn.
+
+ * * * * *
+
+Als slot van dit hoofdstuk laten wij volgen eene proeve van eene
+verdeeling van den dag voor roeiers in Nederland.
+
+Men staat 's morgens om zeven of acht uur op, al naar men de gewoonte
+heeft vroeg of laat zijne legerstede te verlaten. Het lichaam wordt met
+koud water geheel gewasschen, of zoo de gelegenheid open staat, even in
+'t water ondergedompeld, daarna met een ruwen handdoek hard afgewreven.
+
+Vr het ontbijt nog gaat men dan ongeveer een half uur uit en begint
+zijne oefening in 't loopen op bovenvermelde wijze. Men mag zich echter
+vr het ontbijt niet te veel vermoeien; daarom is het beter, zoo men
+den tijd heeft, om deze oefening zeer kort te maken, en haar in den
+middag te herhalen. Men zorge steeds voor deze oefening andere kleeren
+beschikbaar te stellen, die na afloop ervan uitgedaan worden, om 't
+lichaam met een ruwen doek af te wrijven en schoon te droogen. Na drooge
+kleeren aangetrokken te hebben, en toch vooral niet denzelfden flanellen
+borstrok, gebruikt men een stevig ontbijt.
+
+Tot 1 uur is men vrij; op dat uur begint de oefening in de boot, en deze
+duurt tot half drie.
+
+Om de lunch niet te kort hieraan te doen voorafgaan, beginne men er wat
+vroeger mee, dan men gewoon is, zoodat een uur minstens verloopt na
+afloop van de lunch vr 't begin van de oefening. Het overige gedeelte
+van den namiddag is men vrij. Voor zoover deze vrije uren niet bezet
+zijn door bezigheden, waartoe men door zijn werkkring verplicht is,
+brenge men ze door in kalme beweging zooveel mogelijk in de open lucht.
+Liggen is in alle geval verkeerd.
+
+Na het diner begint om 7 uur of half acht de 2e oefening in de boot;
+deze duurt tot half 9 of 9 uur. Niet te kort voordat men zich te ruste
+begeeft wordt nog een matig avondmaal gebruikt, bestaande uit niet te
+zware spijzen; om half 11 of 11 uur gaat men ter ruste.
+
+Het zal niet voor iedereen mogelijk zijn deze dagverdeeling te volgen,
+maar, wij herhalen het, hij wijzige ze dan naar de eischen van zijne
+werkzaamheden, zooveel mogelijk echter z, dat de lichamelijke arbeid
+over den geheelen dag wordt verdeeld.
+
+Het komt ons voor dat wie, zooveel in zijn vermogen is, dezen leefregel
+volgt en daarbij de andere gegeven voorschriften nakomt, het onschatbare
+genoegen zal smaken dagelijks zijne vorderingen te bemerken, en telkens
+bij de oefeningen zich sterker en veerkrachtiger te gevoelen. Met
+zelfvoldoening zal hij op 't einde van de training kunnen terugzien op
+den zoo goed gebruikten tijd, waarin hij zijn lichaam gehard, zijne
+wilskracht gestaald en zijn levenslust opgewekt heeft. Met een kalm hart
+en een gerust geweten zal hij op den dag van den wedstrijd op de baan
+verschijnen, die voor hem wellicht roemvol zal worden!
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+ZESDE HOOFDSTUK.
+
+DE WEDSTRIJD (_race_, _course_, _rennen_).
+
+
+Eindelijk is dan de lang verwachte dag aangebroken, die door eene
+overwinning of eervolle nederlaag de kroon op het werk zal zetten.
+Velen zijn van meening, dat de roeiers op den dag vr den wedstrijd
+denzelfden leefregel moeten volgen, dien zij den ganschen trainingtijd
+hebben gehad; dus de loopoefening, roeioefeningen, enz. ook dien dag
+waarnemen. Anderen raden aan, dat eene raceploeg dien dag in volkomen
+rust moet doorbrengen om op die wijze als 't ware dubbele krachten voor
+den wedstrijd zelf te verzamelen.
+
+Wij zijn het meer eens met de laatsten en kunnen deze methode bij
+ondervinding als de beste aanbevelen. Een eindje kalm roeien is dan
+goed, maar alle inspanning moet vermeden worden.
+
+Wat dus nog al eens in de laatste weken van dien tijd gedaan wordt,
+"_het zoogenaamde baantje roeien_", mag op den dag vr den wedstrijd
+volstrekt niet geschieden.
+
+Het beste is om alsdan met kalmen slag de baan een paar keeren af te
+roeien, zoowel voor den stuurman om zijn koers voor den volgenden dag
+vast te stellen, als voor de roeiers om zich te orinteeren en aldus
+in staat te zijn gedurende den strijd hunne krachten verstandig te
+verdeelen.
+
+Op den voorgaanden dag dus nooit de roeiers afmatten!
+
+Twee uren vr den aanvang van den wedstrijd gebruiken de roeiers een
+stevig, maar niet overvloedig maal, bestaande uit vleesch en eieren;
+en daar de wedstrijden bij ons te lande meestal te 1 ure aanvangen kan
+dit maal dus gevoeglijk als lunch gelden, en zal er een kop koffie bij
+kunnen gebruikt worden.
+
+De stuurman begeve zich intusschen, zoo hij dit den vorigen dag nog
+niet gedaan heeft, naar de regelingscommissie om alle noodzakelijke
+inlichtingen aangaande afgaan, baan, draaiboeien, passeeren der winboei,
+enz. te verkrijgen.
+
+Na dan een uurtje met praten te hebben doorgebracht, wordt het al
+spoedig tijd zich naar het terrein van den strijd te begeven, de boot
+te water te laten en een oogenblik met kalmen slag op en neer te roeien
+om de spieren wat lenig te maken.
+
+Daarna gaan de roeiers op een beschaduwd plekje zitten tot het nummer
+aan den seinpaal wordt geheschen, dat den wedstrijd aankondigt, waarin
+zij zullen mededingen. Mochten zij alsdan dorst of liever een droge keel
+hebben, zoo zal een slok spuitwater geen kwaad doen. Men moet echter
+op den dag van den wedstrijd niet drinken, zoo men er geen bepaalde
+behoefte aan heeft, en ook dan nog de kleinste hoeveelheden.
+
+De ploeg stapt dus in, zorgt dat de sliding-seats goed loopen; dat het
+stootleer van den riem goed, doch niet al te rijkelijk gesmeerd is; dat
+de spoorplank goed vastzit; dat de voetriem geen gevaar loopt te breken;
+dat de kleederen niet kunnen knellen, doch vrij en los om het lichaam
+zitten. Nauwlettendheid is hierbij noodig, daar op alle wedstrijden
+slechts ongevallen, die door de schuld van mededingers zijn veroorzaakt,
+recht tot reclame geven. De stuurman zorgt, dat zijne stuurlijnen niet
+doorgesleten zijn op het juk van het roer, dat zijn zitkussen stevig op
+den bank bevestigd is, zoodat hij er niet mede naar de zijden kan
+glijden.
+
+Hij bespreekt nog even met den slag eenige zaken, die zij op den vorigen
+dag hebben overgelegd b.v. welke theorie te volgen met het afgaan, welke
+draaiboei te nemen, zoo men de keus heeft, op welke punten spurts te
+maken, enz.
+
+En daar ligt dan de boot aan de afvaartsboei, wachtende op het schot.
+
+De stuurman heeft beide stuurlijnen in zijn eene, de afvaartsboei in de
+andere hand, gereed om deze los te laten zoodra het schot afgaat en dan
+de stuurlijnen terstond op de gewone wijze in handen te nemen.
+
+De roeiers moeten zwijgen en op elk woord van den stuurman letten, die
+natuurlijk zorgt de boot recht te houden in den voorgeschreven koers en
+daartoe nu bakboord dan stuurboord iets zal laten ophalen of strijken.
+
+De roeiers zien met voorovergebogen lichaam en gestrekte armen recht
+voor zich uit en hebben slechts op den slag te letten om tegelijk met
+hem te kunnen beginnen. Daartoe houden zij dan ook voortdurend het blad
+van den riem in het water.
+
+Wij herhalen het: de roeiers moeten letten op den slag en niet op het
+schot. Zoo allen op het hooren van het schot willen afgaan, zal de start
+nooit zoo regelmatig zijn, als wanneer zij slechts op den slag en op
+niets anders om zich heen letten.
+
+De slag vangt het schot op d. i. hij moet niet wachten, tot het schot
+heeft weerklonken, doch als 't ware tegelijk met het afgaan ervan zijn
+slag beginnen. Op dat oogenblik werpt de stuurman de afvaartsboei flink
+zijwaarts van zich af, zoodat deze in het water en niet in de boot
+terecht komt. Wij hebben meermalen gezien, dat de stuurman dat touw, aan
+het einde gewoonlijk van een stuk kurk voorzien, in plaats van in het
+water, achter zich in de boot wierp, waar het om een latje slingerde en
+de boot vasthield. De roeiers moesten dan eerst zich aftobben om door
+wanhopig rukken dat weerspannige touwtje of het latje waarom het zich
+gedraaid had, stuk te trekken, vrdat zij zich op weg konden begeven.
+
+Wij behoeven niet te zeggen, hoe zulk een oogenschijnlijk klein en
+vergeeflijk verzuim van een stuurman een zes weken langen arbeid kan
+vruchteloos maken.
+
+Dus het schot heeft weerklonken en pijlsnel schiet de boot voorwaarts.
+Van dat oogenblik af hebben de roeiers slechts op den slag te letten;
+zoo hij het tempo versnelt, moeten zij hem hierin terstond volgen; zoo
+hij het aantal slagen vermindert, ook hierin n met hem zijn; van
+praten onder den wedstrijd mag geen sprake zijn; slechts de slag zal nu
+en dan aan den stuurman zijn wil door een wenk te kennen geven, zoodat
+deze laatste op elke beweging van den slag moet letten, geene vragen aan
+hem zal doen, waarop het antwoord uit eenige woorden moet bestaan, doch
+zijne vraag aldus inkleeden, dat een knik van den slag voldoend antwoord
+is.
+
+Op wedstrijden heeft ieder wel stuurlieden in functie gezien, die
+door ontzettend te schreeuwen hunne roeiers aanvuren en schor van die
+inspanning aan land stappen. Dat schreeuwen is natuurlijk tot niets
+nuttig en zal slechts den lachlust van het publiek kunnen opwekken. Wl
+kan het kwaad doen: namelijk de roeiers reeds in het begin tot te groote
+inspanning verleiden, en niets is op een wedstrijd gevaarlijker dan dat.
+
+Daarom, stuurman, spreek kalm tot uwe roeiers. Het zullen natuurlijk
+meestal personen zijn, die gij goed kent, zoodat gij allicht weet, welke
+snaren in hun gemoed moeten worden aangeroerd om hun moed in te
+boezemen; en dan zal het wl zooveel indruk maken, zoo gij hen dit kalm
+en flink toevoegt, dan indien gij met een rood gelaat als een bezetene
+zit te brullen en te springen.
+
+Thans nog het een en ander over het afgaan.
+
+Vraagt men, wat beter is: terstond alle krachten in te spannen om van
+den aanvang af de leiding op zich te nemen of in het begin niet al te
+veel "er op te zetten", teneinde dan later te toonen wat men kan, zoo
+zouden wij hierop in het algemeen geen antwoord willen geven, maar wel
+na eerst de ploeg te hebben leeren kennen, waarvoor het gevraagd wordt.
+
+Eene ploeg, uit zenuwachtige personen bestaande, zal, zoo zij vr is,
+al terstond rustiger gestemd worden en dus beter samenwerken. Voor
+zulke roeiers is het derhalve wel wenschelijk, om, zoo het niet al te
+veel inspanning moet kosten, reeds in den aanvang vr te komen. Vooral
+voor jonge roeiers dus zal dit meestal verkieslijk zijn.
+
+Wat daarentegen ervaren, bedaarde roeiers betreft, die er zich in 't
+minst niet om bekommeren of zij aanvankelijk vr of achter zijn, die
+met een glimlach toezien hoe hunne tegenstanders in woeste vaart hen
+voorbijvliegen en hunne krachten in het begin verspillen, zulke roeiers
+zouden wij altijd aanraden flink maar kalm af te gaan.
+
+Wij hebben eene bepaalde baan steeds in korteren tijd afgelegd, wanneer
+wij bedaard vertrokken en al ons kunnen in het laatste gedeelte legden,
+dan zoo wij hard afgingen en de baan, naar ons gevoel althans, toch ook
+konden uitroeien.
+
+Het spreekt van zelf, dat ook dat kalm afgaan en krachten sparen voor
+het laatst niet moet overdreven worden. Ook dan kan men in een fout
+vervallen, die de overwinning kosten kan.
+
+Op de verstandige verdeeling der krachten komt dus veel aan.
+
+In andere landen zijn meestal alle roeivereenigingen tot een bond
+vereenigd, die reglementen voor wedstrijden vaststellen, welke dus voor
+al die vereenigingen bindend zijn. Bij ons is dit niet het geval, en
+laat elke vereeniging, die een wedstrijd uitschrijft, op het programma
+tevens de voor dien wedstrijd geldende bepalingen drukken.
+
+Het is misschien wenschelijk, dat de jaarlijksche vergadering te
+Amsterdam dit punt eens op haar programma plaatste, n.l. het vaststellen
+van een reglement voor roeiwedstrijden, uitgeschreven door nederlandsche
+R. of Z. vereenigingen.
+
+Eenige bepalingen, die algemeen zijn aangenomen, vindt men op elk
+programma terug, o. a. hetgeen wij over het recht tot reclame zeiden.
+
+Op een paar willen wij nog wijzen:
+
+Een roeier wordt _junior_ genoemd, wanneer hij vr den 1sten Januari
+van dat jaar nog geen eersten prijs heeft gewonnen, of slechts op
+wedstrijden tusschen leden eener zelfde vereeniging of matches
+(wedstrijden tusschen twee particulieren tengevolge eener uitdaging).
+
+Behaalt een roeier een eersten prijs tegen een of meer vereenigingen,
+zoo wordt hij met ingang van het volgende jaar _senior_ en mag nooit
+meer op wedstrijden, uitgeschreven voor juniores, uitkomen.
+
+In Belgi geldt echter de bepaling, dat men slechts door het winnen van
+een eersten prijs op een _internationalen_ wedstrijd senior wordt.
+Nationale wedstrijden noemen zij _courses d'entranement_.
+
+Oarsmen en scullers vormen twee op zich zelf staande groepen, zoodat een
+prijs door een oarsman behaald, den winner wl als oarsman doch niet
+als sculler senior maakt; en zoo omgekeerd.
+
+Wij laten nog als slot volgen een _concept algemeen reglement voor
+wedstrijden_:
+
+1. Het sein van afvaart wordt door den "starter" gegeven, nadat deze
+zich verzekerd heeft, dat alle mededingende partijen gereed zijn.
+
+2. Indien de starter van oordeel is dat eenige onregelmatigheid
+heeft plaats gehad bij de afvaart, dan zal hij dadelijk de partijen
+terugroepen; elke partij, die weigert een tweede maal af te gaan, zal
+buiten mededinging worden gesteld.
+
+3. Elke partij, die niet op 't bepaalde sein binnen den voor den
+wedstrijd vooraf bepaalden tijd aan de afvaartsboei verschijnt, kan
+buiten mededinging worden gesteld.
+
+4. Bij loting wordt aan iedere partij hare boei van omvaart aangewezen.
+
+5. Iedere partij moet gedurende de geheele baan in haar eigen vaarwater
+blijven. Begeeft zij zich in een anders water, dan geschiedt dit op haar
+eigen risico; met ieders water wordt bedoeld die lijn recht voor zich
+uit, die evenwijdig loopt met den koers van de andere booten tot aan de
+winboei toe.
+
+6. De partij, door wier schuld aanvaring of averij ontstaat, verliest
+alle aanspraak op den prijs, tenzij de scheidsrechter, wegens het
+onbeduidende er van, anders mocht beslissen.
+
+7. Averij, niet door toedoen van mededingers geschied, geeft geen recht
+tot reclame.
+
+8. In geval van aanvaring kan de scheidsrechter beslissen, dat de
+mededingende partijen behalve die, door wier schuld de aanvaring is
+geschied, nogmaals op denzelfden dag of op een nader bepaalden anderen
+dag de geheele baan tegen elkander roeien.
+
+9. Alle geschillen betreffende den race, van de afvaart af tot aan de
+aankomst aan de winboei worden beslist in hoogste instantie door den
+Scheidsrechter of door eene Jury, bestaande uit een oneven aantal leden.
+Reclames moeten dadelijk na aankomst worden ingediend.
+
+10. De beslissing, welke partij 't eerst de winboei bereike, komt toe
+aan een op die hoogte geposteerden persoon.
+
+11. De leiding van den wedstrijd is opgedragen aan eene afzonderlijke
+commissie, die de volgorde van het programma bepaalt, vaststelt over
+welke zijde de booten om de boei van omvaart moeten gaan, en de
+stuurlieden de noodige aanwijzingen geeft.
+
+[Decoratieve illustratie]
+
+
+
+
+ +--------------------------------------------------------+
+ | |
+ | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: |
+ | |
+ | De volgende correcties zijn in de tekst aangebracht: |
+ | |
+ | Bron (B:) -- Correctie (C:) |
+ | |
+ | B: flotte de Csar Paris, |
+ | C: flotte de Csar, Paris, |
+ | B: en het _Chapionship_ van geheel Amerika, |
+ | C: en het _Championship_ van geheel Amerika, |
+ | B: vloeide het engelschegoud |
+ | C: vloeide het engelsche goud |
+ | B: en het _Campionship of the World_ |
+ | C: en het _Championship of the World_ |
+ | B: Moon, Magdalen Coll., Oxford |
+ | C: Moon, Magdalen Coll., Oxford. |
+ | B: 1861 Putney-Morlake. |
+ | C: 1861 Putney-Mortlake. |
+ | B: 1885 RowingClub 5 L. |
+ | C: 1885 Rowing Club 5 L. |
+ | B: 1885 M. Chaudoir " |
+ | C: 1885 M. Chaudoir, " |
+ | B: Messenger) P. M. 24{~PRIME~} 30{~PRIME~} |
+ | C: Messenger) P. M. 24{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} |
+ | B: Boyd) op de Tyne foul |
+ | C: Boyd) op de Tyne foul. |
+ | B: aan de _ontriggers_ werden aangebracht. |
+ | C: aan de _outriggers_ werden aangebracht. |
+ | B: _swivling-rowlocks_ vervangen, en |
+ | C: _swiveling-rowlocks_ vervangen, en |
+ | B: (_filling_, _Dullenlager of |
+ | C: (_filling_, _Dullenlager_ of |
+ | B: Ftterung_). |
+ | C: _Ftterung_). |
+ | B: Dossunet~ te Joinville-le Pont |
+ | C: Dossunet~ te Joinville-le-Pont |
+ | B: prijsverhooging bij ~Deichman~ en |
+ | C: prijsverhooging bij ~Deichmann~ en |
+ | B: _Jui ste greep._ Fig. 6. |
+ | C: _Juiste greep._ Fig. 6. |
+ | B: dat 't lichaam op nieuw naar voren |
+ | C: dat 't lichaam opnieuw naar voren |
+ | B: Plotsing kan zich iets |
+ | C: Plotseling kan zich iets |
+ | B: borst te trekken, en begine |
+ | C: borst te trekken, en beginne |
+ | B: lift at the beginniug_", |
+ | C: lift at the beginning_", |
+ | B: slidingseat blijft op dezelfde |
+ | C: sliding-seat blijft op dezelfde |
+ | B: 2, Catching the water |
+ | C: 2. Catching the water |
+ | B: wind of stroom onmiddelijk partij weet |
+ | C: wind of stroom onmiddellijk partij weet |
+ | B: voorschriftenin 3 cathegorien |
+ | C: voorschriften in 3 cathegorien |
+ | B: starter van oordeel, is dat |
+ | C: starter van oordeel is dat |
+ | |
+ +--------------------------------------------------------+
+
+
+
+
+
+End of the Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by
+Pieter Helbert Damst and Frans Eduard Pels Rijcken
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT ***
+
+***** This file should be named 39035-8.txt or 39035-8.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/3/9/0/3/39035/
+
+Produced by The Online Distributed Proofreading Team at
+http://www.pgdp.net
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
diff --git a/39035-8.zip b/39035-8.zip
new file mode 100644
index 0000000..e5ef6f1
--- /dev/null
+++ b/39035-8.zip
Binary files differ
diff --git a/39035-h.zip b/39035-h.zip
new file mode 100644
index 0000000..ff6f175
--- /dev/null
+++ b/39035-h.zip
Binary files differ
diff --git a/39035-h/39035-h.htm b/39035-h/39035-h.htm
new file mode 100644
index 0000000..7a15662
--- /dev/null
+++ b/39035-h/39035-h.htm
@@ -0,0 +1,5244 @@
+<!DOCTYPE html PUBLIC "-//W3C//DTD XHTML 1.1//EN"
+ "http://www.w3.org/TR/xhtml11/DTD/xhtml11.dtd">
+
+<html xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml" xml:lang="nl">
+
+<head>
+ <meta http-equiv="Content-Type" content="text/html;charset=iso-8859-1" />
+ <meta http-equiv="Content-Style-Type" content="text/css" />
+
+ <title>
+ Nederlandsch handboek voor roeisport, by P. H. Damst en F. E. Pels Rijcken&mdash;A Project Gutenberg eBook.
+ </title>
+ <link rel="coverpage" href="images/titlepage.jpg" />
+ <style type="text/css">
+
+h1 {text-align: center; clear: both; margin-top: 2em; margin-bottom: 0.5em; font-size: 125%;}
+big {font-size: 115%;}
+small {font-size: 45%;}
+h2 {text-align: center; clear: both; margin-top: 4em; margin-bottom: 1em; font-size: 100%;}
+h2.ch {font-size: 120%;}
+h2.h2inh {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em; font-size: 115%;}
+h3 {text-align: center; clear: both; margin-top: 2em; margin-bottom: 1em;
+ font-weight: normal; font-size: 100%;}
+h3.h3uitslag {text-align: center; clear: both; margin-top: 4em; margin-bottom: 1em;
+ font-weight: normal; font-family: sans-serif; font-size: 115%;}
+.uvw {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em;
+ font-weight: bold; font-family: monospace; font-size: 133%;}
+
+p {text-align: justify; text-indent: 1em;}
+p.tp {margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em; line-height: 2em; text-align: center; text-indent: 0em;}
+p.subh2 {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; text-align: center; text-indent: 0em;
+ font-weight: normal; font-size: 100%;}
+p.noi {text-indent: 0em;}
+p.latijn {margin-left: 50%; font-size: 85%; text-indent: -1em;}
+p.amateur {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; text-align: center; text-indent: 0em;}
+p.definitie {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; margin-left: 2em; margin-right: 0em;}
+
+div.title {margin-top: 3em; margin-bottom: 1em; text-align: center;}
+div.voorblad {margin-top: 3em; margin-bottom: 1em; text-align: center; font-size: 150%;}
+div.verso {margin-top: 5em; margin-bottom: 4em; margin-left: auto; margin-right: auto;
+ width: 35em; font-size: 85%; text-align: center; border-top: 1px solid black;}
+div.inhoud {margin-top: 3em; margin-bottom: 3em;}
+div.voorrede {margin-top: 3em; margin-bottom: 3em; font-size: 85%;}
+
+/* TB */
+hr {width: 20%; clear: both; border: 1px solid black;
+ margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em; margin-left: auto; margin-right: auto;}
+hr.tb {border-style: none;}
+hr.hr20 {width: 20%; margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em;}
+hr.fnsep {width: 10%; text-align: left;
+ margin-top: 0.5em; margin-bottom: 0.5em; margin-left: 0; margin-right: auto;}
+hr.chin {width: 10%; margin-top: 1em; margin-bottom: 1em;}
+hr.chbegin {width: 20%; margin-top: 1em; margin-bottom: 1em;}
+hr.chbegin2 {width: 15%; margin-top: 1em; margin-bottom: 1em;}
+hr.chend {width: 20%; margin-top: 2em; margin-bottom: 2em;}
+
+.pagenum {/* uncomment the next line for invisible page numbers */
+ /* visibility: hidden; */
+ position: absolute; left: 94%; text-indent: 0em; text-align: right;
+ font-size: small; font-weight: normal; font-variant: normal; font-style: normal;
+ letter-spacing: normal; color: #888888;}
+span[title].pagenum:after {content: "[" attr(title) "] ";}
+
+/* TABLES */
+table {margin-left: auto; margin-right: auto;
+ padding: 0; border: 0; border-collapse: collapse;}
+.toc {margin-top: 3em; margin-bottom: 1em; font-size: 85%;}
+td.tdl {text-align: left; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em;}
+td.tdltop {text-align: left; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em; vertical-align: top;}
+td.tdlh3 {text-align: left; padding-left: 1.5em; padding-right: 0.5em;}
+td.tdc {text-align: center; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em;}
+td.tdj {text-align: justify; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em;}
+td.tdr {text-align: right; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em;}
+.wedstrijd {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em;}
+.wedstrijd caption {margin-top: 1em; margin-bottom: 0.5em;
+ margin-left: auto; margin-right: auto; text-align: center;}
+.wedstrijd .race {font-weight: bold; display: block;}
+.wedstrijd th {font-weight: normal; font-size: 75%;}
+
+/* BORDERS */
+.bl {border-left: 2px solid black;}
+.bt {border-top: 2px solid black;}
+.br {border-right: 2px solid black;}
+.bb {border-bottom: 2px solid black;}
+.bb1 {border-bottom: 1px solid black;}
+
+/* ALIGN */
+.clear {clear: both;}
+.left {text-align: left;}
+.center {text-align: center;}
+.right {text-align: right;}
+.floatleft {float: left; width: auto;}
+.floatright {text-align: left; text-indent: 0em; float: right; width: auto;}
+
+sup {vertical-align: 0.3em; font-size: 75%;}
+sub {vertical-align: -0.3em; font-size: 75%;}
+.smcap {font-size: 80%;}
+.mixcap {font-variant: small-caps;}
+.g {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em; font-weight: normal; font-style: normal;}
+.ls2 {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em;}
+.ls4 {letter-spacing: 0.4em; margin-right: -0.4em;}
+.smalled {letter-spacing: -0.1em;}
+.word1 {word-spacing: 0.1em;}
+.word2 {word-spacing: 0.2em;}
+ins.corr {border-bottom: 1px dotted red; text-decoration: none;}
+ins.info {border-bottom: 1px dotted green; text-decoration: none;}
+abbr {border-bottom: 1px dotted green; speak: spell-out;}
+
+/* LISTS */
+ol {margin-left: 0em; padding-left: 2em; text-indent: 1em;}
+
+/* IMAGES */
+img {border: 0;}
+img.cap {float: left; margin: -0.2em 0.2em 0 0; position: relative;}
+.figcenter {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; margin-left: auto; margin-right: auto;
+ text-align: center;}
+.figcenter2 {margin-top: 2em; margin-bottom: 4em; margin-left: auto; margin-right: auto;
+ text-align: center;}
+.caption {text-align: center; font-size: 85%;}
+
+/* FOOTNOTES */
+.footnote {margin-left: 0%; margin-right: 0%; font-size: 85%; text-align: justify; }
+.footnote .label {padding-right: 1.5em; text-decoration: none;}
+.fnanchor {text-decoration: none; margin-left: 0.1em;}
+
+/* POETRY */
+.poem {margin-left: 10%; margin-right: 10%; text-align: left; font-size: 75%;}
+.poem br {display: none;}
+.poem .stanza {margin: 1em 0em 1em 0em;}
+.poem div.i0 {display: block; margin-left: 0em; padding-left: 8em; text-indent: -8em;}
+
+.mono {font-family: monospace;}
+.size50 {font-size: 50%;}
+.size60 {font-size: 60%;}
+.size67 {font-size: 67%;}
+.size75 {font-size: 75%;}
+.size85 {font-size: 85%;}
+.size115 {font-size: 115%;}
+.size125 {font-size: 125%;}
+.size140 {font-size: 140%;}
+.size210 {font-size: 210%;}
+.size300 {font-size: 300%;}
+
+/* FRACTIONS */
+.fraction {display: inline; font-size: 100%; white-space: nowrap;}
+.above {position: relative; margin: 0; padding: 0; vertical-align: 0.4em; font-size: 67%;}
+.below {position: relative; margin: 0; padding: 0; vertical-align: -0.4em; font-size: 67%;}
+
+/* Transcriber Note */
+.TNbox {margin: 10% 10% 5% 10%; border: 1px solid; padding: 1em;
+ background-color: #dddddd; font-family: sans-serif; font-size: 90%;}
+.TNbox h2 {font-variant: small-caps; font-size: 130%; letter-spacing: 0;
+ margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; line-height: 2em;}
+.TNbox p {text-indent: 0em; margin-top: 0.7em; margin-bottom: 0.7em;}
+.TNbox table {width: 100%; font-size: 90%;}
+.TNbox th {text-align: left;}
+.TNbox td {text-align: left; vertical-align: top;}
+td.td2 {width: 20%;}
+td.td4 {width: 40%;}
+
+@media screen
+{ body {margin-left: 8%; margin-right: 8%;}
+ p {margin-top: .4em; margin-bottom: .4em;}
+ .TNbox {margin: 10% 10% 5% 10%; background-color: #dddddd;}
+ img.cap {float: left; margin: -1em 0em 0 0; position: relative;}
+ p.drop {padding-top: 2em; text-indent: 0em;}
+ p.drop:first-letter {color: Window; visibility: hidden; margin-left: -0.65em;}
+}
+
+@media print
+{ p {margin: 0;}
+ .pagenum {display: none;}
+ ins {border: none;}
+ img.cap {float: left; margin: -1em 0em 0 0; position: relative;}
+ p.drop {padding-top: 2em; text-indent: 0em;}
+ p.drop:first-letter {color: Window; visibility: hidden; margin-left: -0.65em;}
+
+}
+
+@media handheld
+{ body {margin-left: 2%; margin-right: 2%;}
+ p {margin-top: .2em; margin-bottom: .2em;}
+ .pagenum {display: none;}
+ img.cap {display: none;}
+ p.drop {text-indent: 1em;}
+ p.drop:first-letter {color: WindowText; visibility: visible; margin-left: 0;}
+}
+
+ </style>
+</head>
+
+<body>
+
+
+<pre>
+
+The Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by
+Pieter Helbert Damst and Frans Eduard Pels Rijcken
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Nederlandsch handboek voor roeisport
+
+Author: Pieter Helbert Damst
+ Frans Eduard Pels Rijcken
+
+Release Date: March 3, 2012 [EBook #39035]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT ***
+
+
+
+
+Produced by The Online Distributed Proofreading Team at
+http://www.pgdp.net
+
+
+
+
+
+
+</pre>
+
+
+<div class="TNbox">
+
+ <h2>Opmerkingen van de bewerker</h2>
+
+ <p>De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, verouderde spelling.
+ Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren.</p>
+
+ <p>Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld.
+ Voetnoten zijn hernummerd en verplaatst naar het eind van het hoofdstuk.</p>
+
+ <p>Overduidelijke druk- en spelfouten in het origineel zijn gecorrigeerd; deze zijn voorzien van een
+ <ins class="corr" title="Bron: dnnne roed stipppellijn">dunne rode stippellijn</ins>,
+ waarbij de Brontekst via een zwevende pop-up beschikbaar is.<br />
+ Variaties in spelling (met/zonder accent, met/zonder koppelteken,
+ met/zonder extra spatie, wel/geen hoofdletter) zijn behouden.
+ Bij het <i>Kampioenschap van Nederland</i> (blz. <a href="#p_33">33</a>)
+ zijn in de bron geen uitslagen vermeld.<br />
+ Een extra verduidelijking of vertaling is beschikbaar bij woorden die voorzien zijn van een
+ <ins class="info" title="Vertaling of verduidelijking.">dunne groene stippellijn</ins>.</p>
+
+ <p>Van het frontispiece en de titel is een vergroting beschikbaar door op de betreffende
+ illustratie te klikken.</p>
+
+ <p>Een overzicht van de aangebrachte correcties is te vinden aan
+ <a href="#correctie">het eind van dit bestand</a>.</p>
+
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="-">&nbsp;</span><a id="p_i"></a></p>
+
+<h1><big>NEDERLANDSCH HANDBOEK</big><br />
+<small>VOOR</small><br />
+ROEISPORT.</h1>
+
+<p><span class="pagenum" title="-">&nbsp;</span><a id="p_ii"></a></p>
+<p><span class="pagenum" title="-"><br />&nbsp;</span><a id="p_iii"></a></p>
+<p><span class="pagenum" title="-"><br /><br />&nbsp;</span><a id="p_iv"></a></p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 591px;">
+ <a href="images/ill_fp.jpg"><img src="images/ill_fp-th.jpg" width="591" height="369" alt="" title="Klik voor vergroting (1330831px, 368Kb)" /></a>
+ <div class="caption">&bdquo;<span xml:lang="fr">Sans nom</span>&rdquo; op de Race van 8 Juni, 1884, bij Leiden.</div>
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="-">&nbsp;</span><a id="p_v"></a></p>
+
+<div class="title">
+
+ <div class="figcenter" style="width: 390px;">
+ <a href="images/title.png"><img src="images/title-th.png" width="390" height="294" id="cover" alt="Nederlandsch Handboek voor Roeisport" title="Klik voor vergroting (702529px, 18Kb)" /></a>
+ </div>
+
+ <p class="tp size60">DOOR</p>
+
+ <p class="tp"><span class="mixcap">Dr.</span> P. H. DAMST<br />
+ <span class="size50">EN</span><br />
+ F. E. PELS RIJCKEN,<br />
+ <span class="mixcap size75">Eereleden van de Leidsche Stud. R. V. &bdquo;Njord&rdquo;.</span></p>
+
+ <div class="figcenter2" style="width: 177px;">
+ <img src="images/deco1.png" width="177" height="13" alt="decoratieve illustratie" />
+ </div>
+
+ <p class="tp"><span class="size85">AMSTERDAM,</span><br />
+ <span class="ls4 size115">H. G. BOM.</span><br />
+ <span class="size67">(Warmoesstraat 35.)</span></p>
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="-">&nbsp;</span><a id="p_vi"></a></p>
+
+<p><span class="pagenum" title="-"><br />&nbsp;</span><a id="p_vii"></a></p>
+
+<div class="inhoud">
+
+ <h2 class="h2inh"><a id="INHOUD"></a>INHOUD.</h2>
+
+ <hr class="chin" />
+
+ <table class="toc" summary="inhoudsopgave">
+ <tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdl"></td>
+ <td class="tdr size75">Blz.</td></tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdl mixcap"><a href="#VOORREDE">Voorrede.</a></td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"><a href="#I">I.</a></td>
+ <td class="tdl mixcap">Geschiedkundig overzicht</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_1">1</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdlh3">Uitslag van wedstrijden</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_27">27</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"><a href="#II">II.</a></td>
+ <td class="tdl mixcap">De boot en hare onderdeelen</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_36">36</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdlh3">1. De boot</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_36">36</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdlh3">2. Onderdeelen der boot</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_41">41</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"><a href="#III">III.</a></td>
+ <td class="tdl mixcap">Het roeien</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_57">57</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdlh3">1. Algemeene opmerkingen</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_57">57</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdlh3">2. De eerste beginselen van de roeikunst</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_61">61</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdlh3">3. Nadere behandeling van sommige punten</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_74">74</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"></td>
+ <td class="tdlh3">4. Het scullen</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_93">93</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"><a href="#IV">IV.</a></td>
+ <td class="tdl mixcap">Het sturen en de stuurman</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_102">102</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"><a href="#V">V.</a></td>
+ <td class="tdl mixcap">De training</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_109">109</a></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdr"><a href="#VI">VI.</a></td>
+ <td class="tdl mixcap">De wedstrijd</td>
+ <td class="tdr"><a href="#p_127">127</a></td>
+ </tr>
+ </tbody>
+ </table>
+
+ <hr class="chend" />
+
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="-">&nbsp;</span><a id="p_viii"></a></p>
+
+<p><span class="pagenum" title="-"><br />&nbsp;</span><a id="p_ix"></a></p>
+
+<h2 class="h2inh"><a id="VOORREDE"></a>VOORREDE.</h2>
+
+<hr class="chin" />
+
+<div class="voorrede">
+
+ <p>Hoezeer wij volkomen bewust waren van het gewicht der taak die wij op
+ onze schouders laadden, toen wij het voornemen opvatten eene handleiding
+ voor Roeisport te geven, en dus eenigen schroom gevoelden, vrdat wij
+ den arbeid aanvingen, zoo heeft toch de liefde voor den Roeisport
+ dusdanig bij ons overgewogen, dat wij ons over dien schroom hebben
+ kunnen heenzetten.</p>
+
+ <p>De Engelschen toch hebben hun <em class="g" xml:lang="en">Bradford Woodgate</em>, de Franschen bezigen
+ hiervan eene vertaling, in Duitschland verscheen onlangs een nieuwe druk
+ van <em class="g" xml:lang="de">Silberer</em>'s &bdquo;<i xml:lang="de">Handbuch des Rudersport</i>,&ldquo; doch de nederlandsche
+ roeiers moesten zich met een dier buitenlandsche werkjes behelpen.</p>
+
+ <p>Wij weten zelven te goed, dat het boekje, dat wij hierbij aan de
+ nederlandsche roeiers aanbieden, verre van volledig is en vele gebreken
+ heeft, dan dat wij ons zouden inbeelden daardoor de zoo lang gevoelde
+ leemte op voldoende wijze aan te vullen. Maar wij gelooven, dat ook in
+ deze zaak veel op het doel moet worden gelet.</p>
+
+ <p>Immers met eene vertaling van een der vreemde handboeken zouden onze
+ roeiers al zeer weinig gebaat zijn. Er moet rekening worden gehouden met
+ toestanden en gewoonten, die bij ons anders zijn dan in den vreemde.</p>
+
+ <p>Daarom hebben wij den eersten stap gedaan om, uit eigen ervaring
+ puttend, eene nederlandsche handleiding samen te stellen.</p>
+
+ <p>Het is natuurlijk, dat wij ons daarbij meermalen tot <span class="pagenum" title="-">&nbsp;</span><a id="p_x"></a>buitenlandsche
+ schrijvers hebben gewend, en daaraan vele bizonderheden ontleend.</p>
+
+ <p>Evenmin zal men ons het recht ontzeggen om dr, waar wij eene andere
+ meening dan de hunne waren toegedaan, onze eigenen weg te bewandelen.
+ Wij hebben steeds onze opinie, waar deze van die anderen verschilt,
+ uitvoerig verdedigd, zoodat de lezer, na beide zijden gehoord te hebben,
+ zijne keuze kan vestigen.</p>
+
+ <p>Op verschillende plaatsen, maar voornamelijk waar gehandeld wordt over
+ de boot en hare onderdeelen, hebben wij de engelsche, fransche en
+ duitsche benamingen, voorzoover wij ze konden te weten komen, gevoegd
+ achter de nederlandsche, daar het ons voorkwam, dat deze opgave van
+ eenig nut kan zijn bij de correspondentie met engelsche, fransche en
+ duitsche bootbouwers.</p>
+
+ <p>Overigens hebben wij naar aanleiding van de volgende bladzijden weinig
+ meer te zeggen. Al roept de lezer, na de vrucht onzer overpeinzingen
+ te hebben doorloopen, nog niet uit: &bdquo;<i xml:lang="fr">la vie sans canotage est une
+ absurdit</i>,&ldquo; zoo hopen wij toch door onzen arbeid iets te mogen
+ bijdragen tot het opwekken van de liefde voor den edelen roeisport in
+ ons dierbaar vaderland!</p>
+
+</div>
+
+<hr class="chend" />
+
+<p><span class="pagenum" title="1">&nbsp;</span><a id="p_1"></a></p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 463px;">
+<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<h2><a id="I"></a>EERSTE HOOFDSTUK.</h2>
+
+<hr class="chbegin" />
+
+<p class="subh2">GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT.</p>
+
+<div><img class="cap" src="images/cap_h.png" width="78" height="120" alt="" /></div>
+
+<p class="drop">Het komt ons voor, dat aan het begin van eene handleiding over de
+theorie van het roeien eene korte uiteenzetting van de geschiedenis
+dezer schoone lichaamsbeweging niet mag gemist worden.</p>
+
+<p>Hierbij zouden wij echter in het duister rondtasten, zoo wij naar
+bronnen gingen zoeken om daaruit het ontstaan en de geleidelijke
+ontwikkeling na te gaan; slechts eene dorre, kale vlakte zou zich aan
+den navorscher voordoen.</p>
+
+<p>Maar er zijn oasen in die woestijn.</p>
+
+<p>Die oasen zijn de roeiwedstrijden. Deze zijn reeds in oude tijden
+zorgvuldig opgeteekend, hetzij als wetenswaardigheden in bestovene
+kronieken of als zangen van bewonderende dichters. En zoo <span class="pagenum" title="2">&nbsp;</span><a id="p_2"></a>kan de
+geschiedschrijver, van wedstrijd tot wedstrijd gaande, de vorderingen
+opmerken, die in de duistere tusschenruimten zijn gemaakt, en daaruit
+zijne gevolgtrekkingen met zekerheid maken.</p>
+
+<p>De wedstrijden dus zijn onze bronnen. Hoe en wanneer nu zijn deze
+ingesteld?</p>
+
+<p>Zoodra vele menschen eene kunst gaan beoefenen, zal het niet lang duren
+of zij zullen gaan beproeven, wie hunner het daarin wel het verst heeft
+gebracht. Eerst zal zulk een proef misschien eens bij toeval worden
+genomen, doch weldra vindt de zaak bij meerderen bijval, die door de
+begeerte naar eer en roem worden aangetrokken, en alras worden vaste
+dagen of feesten voor die proefnemingen vastgesteld.</p>
+
+<p>Zoo ontstonden wedstrijden en zoo ontstonden prijsvragen.</p>
+
+<p>Zoolang dus de menschen reeds geroeid hebben, zoolang bestaan ook reeds
+de roeiwedstrijden.</p>
+
+<p>Zonder eenigen grond wordt het roeien door <em class="g" xml:lang="de">Victor Silberer</em> in zijn
+&bdquo;<i xml:lang="de">Handbuch des Rudersport</i>&ldquo; &bdquo;een kind van den nieuweren tijd&ldquo; genoemd en
+gezegd, dat er geene bewijzen zijn voor de onderstelling, dat reeds bij
+de oude volken wedstrijden in het roeien gehouden zijn. Immers <em class="g" xml:lang="la">Virgilius</em>
+schildert in het 5<sup>de</sup> boek zijner <i xml:lang="la">Aeneis</i> een roeiwedstrijd op
+meesterlijke wijze, en, wat meer zegt, reeds de grijze <em class="g" xml:lang="la">Homerus</em>
+verkondigt in de <i xml:lang="la">Odyssea</i> herhaaldelijk den lof, dien de <i xml:lang="la">Phaeaces</i> met
+de riemen hebben behaald!</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="3">&nbsp;</span><a id="p_3"></a></p>
+
+<p>Maar het zou ons te ver voeren, de roeikunst van die oude tijden af na
+te gaan. Hen, die daarin belangstellen, verwijzen wij naar het werkje
+van den franschen ingenieur <em class="g" xml:lang="fr">Aug. Jal</em>: <i xml:lang="fr">la flotte de Csar<ins class="corr" id="corr1" title="Niet in Bron.">,</ins> Paris,
+Didot,</i> 1861.</p>
+
+<p>Dezelfde schrijver heeft zich ook door zijne &bdquo;<i xml:lang="fr">Archologie navale</i>&ldquo; en
+&bdquo;<i xml:lang="fr">Glossaire nautique</i>&ldquo; verdienstelijk gemaakt ten opzichte van het
+zeewezen in de middeleeuwen.</p>
+
+<p>De oudste in Engeland bekende roeiwedstrijd is de <span xml:lang="en">sculler</span>-race om
+&bdquo;<i xml:lang="en">Doggett's Coat and Badge</i>,&ldquo; die in 1715 door den tooneelspeler <em class="g" xml:lang="en">Mr.
+Thomas Doggett</em> werd ingesteld en nog telken jare op den 1<sup>sten</sup>
+Augustus wordt gehouden op de <span xml:lang="en">Thames</span> van
+<span xml:lang="en">London-bridge</span> tot <span xml:lang="en">Chelsea</span>.
+Slechts aan jonge &bdquo;<i xml:lang="en">watermen</i>&ldquo; (schippers), die hun leertijd juist
+hebben uitgediend, is het veroorloofd naar den prijs te dingen. Deze
+bestaat uit eene roode jas en zilveren medaille, waaraan door de
+londensche visschersvereeniging nog eene som gelds is toegevoegd. Daar
+slechts zes roeiers aan den wedstrijd mogen deelnemen, wordt, zoo zich
+meerdere mededingers hebben aangemeld, door voorafgaande wedstrijden
+(<i xml:lang="en">trial-heats</i>, <i xml:lang="de">Versuchsrennen</i>) uitgemaakt, welke zes deze eer waardig
+zijn.</p>
+
+<p>Vele wedstrijden, in daarop volgende jaren gehouden, zijn van minder
+belang.</p>
+
+<p>Reeds in 1815 vinden wij onderlinge wedstrijden tusschen verschillende
+colleges van <span xml:lang="en">Oxford</span> vermeld <span class="pagenum" title="4">&nbsp;</span><a id="p_4"></a>in
+achtriemsgieken; in <span xml:lang="en">Cambridge</span> werd
+hierin voor het eerst geroeid in 1826.</p>
+
+<p>Van de ongeveer driehonderd wedstrijden, die jaarlijks in Engeland
+gehouden worden, is die in achtriemsgieken tusschen de studenten van
+<span xml:lang="en">Oxford</span> en <span xml:lang="en">Cambridge</span> zeker wel de meest bekende. In 1829 had deze kamp
+voor het eerst plaats, en nu wordt reeds sedert eene reeks van jaren
+jaarlijks vr de Paaschvacantie door geheel Engeland met spanning de
+dag verwacht, waarop het donkerblauw van <span xml:lang="en">Oxford</span> en het lichtblauw van
+<span xml:lang="en">Cambridge</span> op de 6838 M. lange baan van <span xml:lang="en">Putney</span>
+naar <span xml:lang="en">Mortlake</span> op de <span xml:lang="en">Thames</span>
+naar den prijs zullen dingen. Reeds 43 malen is die strijd gestreden,
+waarin <span xml:lang="en">Oxford</span> een viertal overwinningen op de tegenpartij vr heeft.
+Aan <span xml:lang="en">Cambridge</span> komt echter de eer toe het beste record te hebben behaald
+nl. in 1873 (tevens het eerste jaar, waarin de <i xml:lang="en">sliding-seat</i> werd
+gebruikt), toen de <em class="g" xml:lang="en">Cantabs</em> in 19&prime; 35&Prime; de overwinning behaalden.
+Vermelding verdient ook het jaar 1877, waarin de strijd onbeslist bleef,
+daar beide booten tegelijkertijd de <span xml:lang="en">winning-post</span> bereikten: op eene zoo
+lange baan voorwaar eene groote zeldzaamheid!</p>
+
+<p>Een eigenaardig feest vond den 7<sup>den</sup> April 1881 te London plaats. Men
+vierde toen het vijftigste verjaarfeest der <i xml:lang="en">University-race</i>, waaraan
+200 personen deelnamen van de 485, die hetzij als roeiers of als
+stuurlieden van 1829 af tot op den feestdag <span class="pagenum" title="5">&nbsp;</span><a id="p_5"></a>toe aan dien wedstrijd
+hadden deelgenomen. Als aandenken aan dien dag hebben de H.H. <em class="g" xml:lang="en">Treherne</em>
+en <em class="g" xml:lang="en">Goldie</em> een boek uitgegeven in slechts 250 exemplaren, dat door <em class="g" xml:lang="en">Mr. W.
+Spottiswoode</em>, die in 1845 tot de <span xml:lang="en">Oxford</span>-ploeg behoorde, gedrukt is. Het
+is van fraaie afbeeldingen voorzien en bevat eene beschrijving, niet
+slechts van den feestdag, maar ook van alle <i xml:lang="en">University-races</i>, die van
+1829 tot 1880 hebben plaats gehad. Tevens geeft het een onderhoudend
+verhaal van de verdere loopbaan der roeiers. Uit de statistiek blijkt,
+dat de sterfte onder de raceroeiers geringer is dan gewoonlijk. Derhalve
+de hand aan de riemen, levenslustigen!</p>
+
+<p>Na de <i xml:lang="en">Varsity</i> (zooals het volk den Universiteitswedstrijd noemt),
+die telken jare het roeiseizoen opent, volgt in belangrijkheid de
+<i xml:lang="en">Henley-Royal-Regatta</i>, in 1839 gesticht. Dit is het grootste nationale
+roeifeest in Engeland, dat meerdere dagen duurt en wedstrijden in
+allerlei gieken te aanschouwen geeft. Als het gloriepunt geldt echter
+steeds de &bdquo;<i xml:lang="en">race for the diamond challenge sculls</i>,&ldquo; daar de winner van
+de gouden, door een grooten diamant verbondene <span xml:lang="en">sculls</span> tevens als de
+<i xml:lang="en">champion-sculler</i> van Europa wordt beschouwd. Verscheidene malen hebben
+duitsche en fransche <span xml:lang="en">scullers</span> er aan deelgenomen, maar nog nimmer is het
+hun mogen gelukken de <span xml:lang="en">sculls</span> aan de Engelschen te ontrukken.</p>
+
+<p>Nadat te <span xml:lang="en">Henley</span> gebleken is, wie op de korte <span class="pagenum" title="6">&nbsp;</span><a id="p_6"></a>baan van 2100 M. de beste
+<span xml:lang="en">sculler</span> is, kan deze eenige dagen daarna op de <span xml:lang="en">Thames</span> zijne krachten op
+de lange baan beproeven, en wel op den wedstrijd &bdquo;<i xml:lang="en">for the Wingfield
+sculls and the amateur Championship of the Thames</i>,&ldquo; die jaarlijks op de
+<span xml:lang="en">Putney&ndash;Mortlake</span> baan wordt gehouden om een paar zilveren <span xml:lang="en">sculls</span>, welke
+in 1830 door <em class="g" xml:lang="en">Mr. H. C. Wingfield</em> zijn geschonken.</p>
+
+<p>Na aldus de drie belangrijkste wedstrijden in Engeland genoemd te
+hebben, willen wij ook over andere landen het een en ander zeggen. En
+dan verdient in de eerste plaats Duitschland genoemd te worden, daar in
+geen ander land het roeien in de laatste jaren z in bloei is
+toegenomen als dr. Het aantal roeivereenigingen wordt nog steeds
+grooter, de wedstrijden jaarlijks menigvuldiger, de deelneming
+voortdurend drukker.</p>
+
+<p>Dat verschijnsel is te verklaren, wanneer wij zien, hoe personen van het
+vorstelijk huis van hunne belangstelling doen blijken door hunne
+tegenwoordigheid op wedstrijden, door het uitloven van prijzen en&mdash;door
+zelven aan den roeisport een werkzaam aandeel te nemen.</p>
+
+<p>Ook komt de eer van dien vooruitgang voor een groot gedeelte toe aan het
+in 1883 opgerichte weekblad, de &bdquo;<i xml:lang="de">Wassersport</i>&ldquo;, door <em class="g" xml:lang="de">Carl Otto</em> te
+Berlin uitgegeven. Sedert alle roeivereenigingen van het duitsche rijk
+in datzelfde jaar tot den &bdquo;<i xml:lang="de">Deutschen <span class="pagenum" title="7">&nbsp;</span><a id="p_7"></a>Ruderverband</i>&ldquo; toetraden en
+genoemd blad tot haar officiel orgaan verklaarden, heeft het steeds
+zijne lezers op de hoogte gehouden van alle gewichtige feiten, die op
+dat gebied voorvielen, en hoogst belangrijke beschouwingen over het
+roeien in zijne kolommen te genieten gegeven. Wij raden dan ook alle
+vereenigingen, die op de hoogte willen blijven van den roeisport in het
+buitenland, ten zeerste aan om dit blad in het clubgebouw ter lezing te
+leggen.</p>
+
+<p>Op overwinningen tegen buitenlanders kunnen de duitsche roeiers zich
+niet zeer beroemen. Hoewel zij in <em class="g" xml:lang="de">Achilles Wild</em>, die reeds drie jaren
+&bdquo;<i xml:lang="de">die Meisterschaft von Deutschland</i>&ldquo; heeft veroverd en haar slechts
+ns door een ongeluk aan een ander heeft moeten afstaan, een goed
+<span xml:lang="en">sculler</span> bezitten, zoo is deze in Engeland nog steeds verslagen.</p>
+
+<p>Men moet het in de <span xml:lang="de">Frankforter R. G. &bdquo;<i>Germania</i></span>&ldquo; toch op prijs stellen,
+dat zij de energie hebben zich met de Engelschen te gaan meten. In 1880
+dong een achtriems van deze club te <span xml:lang="en">Henley</span> mede naar den prijs, in 1881
+en 1883 <em class="g" xml:lang="de">Wild</em> in de <span xml:lang="en">sculling</span>,
+terwijl in 1884 <em class="g" xml:lang="de">Dr. W. R. Patton</em> van de <span xml:lang="de">Clner R. C.</span>
+en <em class="g" xml:lang="de">J. Bungert</em> van de <span xml:lang="de">Mannheimer R. C.</span> hunne krachten aldaar
+beproefden. Alles tevergeefs: de <i xml:lang="en">diamond sculls</i> zijn in Engeland
+gebleven en het eenige succes, waarop de Duitschers zich beroemen
+kunnen, is, dat <em class="g" xml:lang="de">Wild</em> den <span xml:lang="fr">champion</span> van Frankrijk, die ook deelnam, heeft
+verslagen.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="8">&nbsp;</span><a id="p_8"></a></p>
+
+<p>En dat zegt veel: want <em class="g" xml:lang="de">Lein</em> heeft zich als <span xml:lang="en">sculler</span> een goeden naam
+verworven en gedurende acht jaren den titel &bdquo;<i xml:lang="fr">Champion de France</i>&ldquo;
+gevoerd.</p>
+
+<p>In 1883 nam de <i xml:lang="fr">Club Nautique de Gand</i> aan verscheidene nummers van den
+grooten wedstrijd te <span xml:lang="de">Frankfort</span> deel en behaalde bij allen den eersten
+prijs.</p>
+
+<p>Jammer is het, dat de haat tegen de Duitschers zich bij de Franschen tot
+in den sport heeft vastgeworteld: een paar voorbeelden hiervan willen
+wij mededeelen.</p>
+
+<p>Een Berlijner had aan een bootbouwer te Parijs eenige teekeningen
+besteld, welke deze in verschillende sportbladen had geadverteerd. In
+plaats van de gevraagde platen ontving de Duitscher een brief met de
+mededeeling, dat de schrijver als oud-kavallerist dacht deel te nemen
+aan het innemen van Berlijn en dan meteen de teekeningen zou
+medebrengen.</p>
+
+<p>Eenige jaren geleden lieten twee duitsche <span xml:lang="en">scullers</span> zich inschrijven voor
+het championnaat van Frankrijk, dat internationaal is. Zij werden echter
+door het komitee afgewezen op grond, dat het voor de handelingen van het
+plebs van Parijs niet kon instaan bij eene mogelijke overwinning van een
+Duitscher.</p>
+
+<p>Wij herhalen het: jammer, dat zelfs de sport onder de politiek lijden
+moet!</p>
+
+<p>De Franschen hebben, behalve den wedstrijd om het championnaat, nog een
+roeifeest, dat even als de <i xml:lang="de">university-race</i> in Engeland, duizende
+toeschouwers lokt: dit is de &bdquo;<i xml:lang="fr">match annuel en outrigger huit
+<span class="pagenum" title="9">&nbsp;</span><a id="p_9"></a>rameurs</i>&ldquo;
+tusschen de <i xml:lang="en">Rowing Club</i> en de <i xml:lang="fr">Socit Nautique de la
+Marne</i>.</p>
+
+<p>De club, die tegenwoordig in Frankrijk wel het meest van zich doet
+hooren, is de <i xml:lang="fr">Cercle de l'Aviron</i> te Parijs. Jaarlijks ondernemen de
+roeiers van die vereeniging tallooze tochten naar Belgi, Itali en
+Zwitserland, en hunne jaarverslagen wijzen telken jare geheele lijsten
+van overwinningen aan.</p>
+
+<p>Zoo zien wij, dat ook in Frankrijk de roeisport vooruitgaat en in eere
+is. Voorwaar een verblijdend verschijnsel, als wij weten, dat aldaar
+vroeger het woord &bdquo;<i xml:lang="fr">canotier</i>&ldquo; een scheldnaam was, gelijkstaande met
+&bdquo;<i>leeglooper</i>&ldquo;, &bdquo;<i>deugniet</i>&ldquo; en dergelijke lieflijkheden. Dit verhaalt
+ons tenminste de schrijver van het werkje, dat den tocht van drie
+fransche roeiers door Nederland beschrijft, en dat ieder met genoegen
+zal lezen. Het draagt tot titel &bdquo;<i xml:lang="fr">En canot de Douai au Helder</i>&ldquo; en is in
+1880 te Parijs uitgegeven.</p>
+
+<p>In Belgi ziet het er, zoo men de bladen op dat gebied aldaar moet
+gelooven, in de roeiwereld tegenwoordig niet zoo rooskleurig uit.
+Fransche en nederlandsche ploegen hebben zich in de laatste jaren
+herhaaldelijk de meerderen in het roeien betoond op wedstrijden, waaraan
+Belgen deelnamen. Maar wat erger is en noodwendig belemmerend op den
+vooruitgang van den sport in dat land moet werken: er heerscht tusschen
+de vereenigingen geen vriendschappelijke geest; vooral de brusselsche
+roeiclubs <span class="pagenum" title="10">&nbsp;</span><a id="p_10"></a>zijn voortdurend met elkaar op een gespannen voet.</p>
+
+<p>Gent was in de laatste jaren steeds aan het hoofd bij wedstrijden en
+hare roeiers waren alom gevreesd, doch ook de <i xml:lang="fr">Club Nautique Gantois</i>
+deed in 1885 weinig meer van zich hooren.</p>
+
+<p>Moge daar in dien toestand spoedig verbetering komen! Er zijn althans
+mannen genoeg, die zich alle mogelijke moeite geven tot verheffing van
+den edelen roeisport.</p>
+
+<p>Ene zaak is er, die, onzes inziens, zoowel in Frankrijk als in Belgi
+een nadeeligen invloed zal uitoefenen. Wij bedoelen de gewoonte, dat
+raceroeiers de prijzen, die zij behalen, zelven behouden, daar zij ook
+zelven hunne racebooten moeten aanschaffen en voor eigen kosten de
+wedstrijden mogen bezoeken. Deze instelling moet slecht werken, daar eer
+en onbaatzuchtigheid dikwijls zullen moeten plaats maken voor winstbejag
+en hebzucht.</p>
+
+<p>Alles, wat wij tot dusver hebben medegedeeld, betrof slechts amateurs d.
+w. z. roeiers, die het roeien slechts uit liefhebberij beoefenen en er
+geene broodwinning van maken. Dat is nu wel zeer kort gezegd, maar toch
+is er heel wat papier verbruikt, vrdat men het ns was over de
+definitie; tenminste in landen waar eene grens tusschen amateurs en
+professionals of roeiers van beroep noodig was: want in Nederland
+bestaat eene zoodanige definitie <span class="pagenum" title="11">&nbsp;</span><a id="p_11"></a>niet, omdat zij tot nog toe niet
+noodig is geweest. Wij laten de definities, die in Engeland, Frankrijk
+en Duitschland zijn aangenomen, hier volgen.</p>
+
+<p class="amateur"><i xml:lang="en">Definition of an Amateur.</i></p>
+
+<p class="definitie" xml:lang="en">&bdquo;An amateur oarsman or sculler must be an officer of Her
+Majesty's army or navy or civil service, a member of the liberal
+professions, or of the Universities or Public schools, or of any
+established Boat- or Rowing-Club not containing mechanics or
+professionals; and must not have competed in any competition for
+either a stake, or money, or entrance-fee, or with or against a
+professional for any prize; nor have ever taught, pursued, or
+assisted in the pursuit of athletic exercises of any kind as a
+means of livelihood; nor have ever been employed in or about
+boats or in manual labour; nor be a mechanic, artisan, or
+labourer.&ldquo; </p>
+
+<p class="amateur"><i xml:lang="en">Henley Definition. April 8, 1879.</i></p>
+
+<p class="definitie" xml:lang="en">&bdquo;No person shall be considered an amateur oarsman or sculler:
+First, who has ever competed in any open competition for a stake,
+money, or entrance fee; secondly, who has ever competed with or
+against a professional for any <span class="pagenum" title="12">&nbsp;</span><a id="p_12"></a>prize; thirdly, who has ever
+taught, pursued, or assisted in athletic exercises of any kind as
+a means of gaining a livelihood; fourthly, who has been employed
+in or about boats for money or wages; fifthly, is or has been by
+trade or employment, for wages, a mechanic, artisan or labourer.&ldquo;</p>
+
+<p class="amateur"><i xml:lang="fr">Classification des rameurs.</i></p>
+
+<p class="definitie" xml:lang="fr">&bdquo;Ne seront admis dans les courses d'amateurs, que les rameurs
+amateurs faisant partie des Socits invites.</p>
+
+<p class="definitie" xml:lang="fr">Ne sont pas amateurs:</p>
+
+<ol xml:lang="fr">
+ <li>Les watermen, c'est--dire les rameurs, faisant
+ profession de courir.</li>
+
+ <li>Les rameurs courant ou ayant couru gages.</li>
+
+ <li>Les marins, mariniers, passeurs, pcheurs par tat, gardiens
+ de garages, ouvrier constructeurs de bateaux, enfin toutes les
+ personnes, tirant leur moyen d'existence d'une faon habituelle
+ et continuelle dans les chantiers de construction et sur les bateaux.&ldquo;</li>
+</ol>
+
+<p class="amateur"><i xml:lang="de">Deutscher Amateur-Begriff.</i></p>
+
+<p class="definitie" xml:lang="de">&bdquo;Amateur ist Jeder, der das Rudern nur aus Liebhaberei mit
+eigenen Mitteln betreibt oder <span class="pagenum" title="13">&nbsp;</span><a id="p_13"></a>betrieben hat und dafr keinerlei
+Vermgensvortheile in Aussicht hat oder hatte, weder als Arbeiter
+seinen Lebensunterhalt lediglich durch seiner Hnde-Arbeit
+verdient, noch in irgend einer Weise beim Bootbau beschftigt
+ist. Wer um Geldpreise startet oder nach dem 1 Januar 1884
+gestartet hat, wird nicht als Amateur betrachtet.&ldquo;</p>
+
+<p>Wij weten alzoo wat <i xml:lang="en">professionals</i> zijn en willen eens nagaan, welke
+merkwaardige feiten in Engeland, Amerika en Australi onder hen zijn
+voorgevallen. In andere landen namelijk, waar het roeien nog niet door
+de lagere standen beoefend wordt, komt het professionalroeien niet voor.
+Want de beroemdste professionals zijn grootendeels menschen uit de
+volksklasse en worden, wanneer zij het tot zekere hoogte in de kunst
+gebracht hebben, meestal door rijke bewonderaars in staat gesteld om er
+zich geheel aan te wijden, zoodat men, lezende dat twee personen om
+duizend pond sterling geroeid hebben, niet denken moet, dat zij hierbij
+zelven deze som op het spel hebben gezet; die gelden zijn dan door de
+<i>backers</i> van elke partij bijeengebracht. Zooals hier een sportsman
+zijne paarden op een wedren laat loopen, zoo hebben clubs, bestaande uit
+rijke Amerikanen, hunne roeiers.</p>
+
+<p>Hierop zijn natuurlijk uitzonderingen: ook amateurs, <span class="pagenum" title="14">&nbsp;</span><a id="p_14"></a>die het ver hebben
+gebracht, worden somtijds professionals, doordien zij zich met andere
+beroepsroeiers hebben gemeten.</p>
+
+<p>In Engeland zijn jaarlijks ook voor deze klasse van roeiers bepaalde
+wedstrijden, zooals de sedert 1854 bestaande <i xml:lang="en">Thames National Regatta</i>
+en de in 1868 gestichte <i xml:lang="en">Thames Regatta</i>. Dan zijn er vooral in Amerika
+rijke liefhebbers, die dergelijke wedstrijden laten houden: zelfs de
+&bdquo;<i xml:lang="en">Hop Bitters Company</i>&ldquo; heeft reeds meermalen 5000 Dollars voor dat doel
+geschonken! Wel een echt amerikaansche manier om reclame te maken,
+waartegen de &bdquo;maandbladen tegen de kwakzalverij&ldquo; bezwaarlijk zullen
+kunnen concurreeren. Op dezelfde wijze voerde genoemde <i xml:lang="en">Company</i> hare
+geneesmiddelen in 1879 in Engeland in.</p>
+
+<p>De meeste wedstrijden tusschen professionals hebben plaats tengevolge
+van eene uitdaging van een der beide partijen om eene bepaalde som.</p>
+
+<p>Tot 1876 had altijd een Engelschman den titel &bdquo;<i xml:lang="en">Championsculler of the
+World</i>&ldquo; gevoerd, doch in dat jaar werd <em class="g" xml:lang="en">J. H. Sadler</em> door den beroemden
+Australir <em class="g" xml:lang="en">E. Trickett</em> verslagen, die door deze zege &bdquo;<i xml:lang="en">the Championship
+of the World</i>&ldquo; en 400 mede naar zijn vaderland nam.</p>
+
+<p>Deze <span xml:lang="en">sculler</span> werd in 1851 te <span xml:lang="en">Greenwich</span> aan de <span xml:lang="en">Paramatta</span> geboren. In 1875
+werd hij &bdquo;<i xml:lang="en">Champion of Australia</i>&ldquo; en in 1876 bracht een ondernemend en
+rijk hotelhouder uit Sidney hem naar Engeland <span class="pagenum" title="15">&nbsp;</span><a id="p_15"></a>en deed hem daar tegen
+den engelschen <span xml:lang="en">champion</span> <em class="g" xml:lang="en">Sadler</em> in 't strijdperk treden.</p>
+
+<p>Na het aldaar behaalde succes bevocht hij vele nieuwe lauweren, tot hij
+in 1879 op de <i xml:lang="en">Sidney-Regatta</i>, waaraan hij ziek deelnam, door een ander
+bekend Australir <em class="g" xml:lang="en">Laycock</em> geslagen werd.</p>
+
+<p>Na zijne herstelling bewees hij dezen echter duidelijk zijne
+meerderheid.</p>
+
+<p>Toch zou hij den trotschen titel niet lang meer behouden.</p>
+
+<p>Doch niet meer uit Engeland dreigde voor hem het gevaar: een Amerikaan
+zou het zijn, die de eer van &bdquo;den besten roeier der wereld te bezitten&ldquo;
+van Australi op Canada moest overbrengen.</p>
+
+<p>Deze man was <em class="g" xml:lang="en">Edward Hanlan</em>.</p>
+
+<p>Hij werd den 12<sup>den</sup> Juli 1855 te Toronto geboren en behaalde in 1873
+zijne eerste overwinning op een match om het &bdquo;<i xml:lang="en">Amateur Championship in
+the Toronto Bay</i>.&ldquo; Hij werd daarop professional. In 1877 daagde <em class="g" xml:lang="en">Wallace
+Ross</em>, de gevierde <span xml:lang="en">sculler</span> der <span xml:lang="en">United States</span>, alle roeiers van Canada uit
+om een match van 5 mijlen met hem te roeien om 1000 dollars. <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> nam
+dit aan en won gemakkelijk.</p>
+
+<p>Deze zege, die hem tot &bdquo;<i xml:lang="en">Champion of Canada</i>,&ldquo; maakte, deed opeens aller
+oogen op hem vestigen, zoodat zich te Toronto een <i xml:lang="en">Hanlan-Club</i> vormde,
+die zijne verdere leiding op zich nam. Nu had <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> voor niets meer te
+zorgen. De Club sloot <span class="pagenum" title="16">&nbsp;</span><a id="p_16"></a>alle overeenkomsten voor hem, zorgde op de
+mildste wijze voor zijne behoeften, betaalde zijne reis- en
+verblijfkosten, gaf hem de beste trainers, kortom, beschouwde hem als
+haar dierbaarst kleinood.</p>
+
+<p>In 1878 sloeg hij den New-Yorker <span xml:lang="en">sculler</span> <em class="g" xml:lang="en">Plaisted</em> om 2000 Doll., dan
+<em class="g" xml:lang="en">Evan Morris</em> om 1000 Doll. en het <i xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr2" title="Bron: Chapionship">Championship</ins></i> van
+geheel Amerika, daarop nogmaals <em class="g" xml:lang="en">Wallace Ross</em> en eindelijk <em class="g" xml:lang="en">Courtney</em>.</p>
+
+<p>In 1879 ging hij naar Engeland om tegen den engelschen <span xml:lang="en">champion</span> <em class="g" xml:lang="en">W.
+Elliott</em> te roeien.</p>
+
+<p>Daar het er de <i xml:lang="en">Hanlan-Club</i> om te doen was zooveel mogelijk geld uit de
+zaak te slaan, sloten zij vooraf eene overeenkomst, volgens welke <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em>
+eerst met <em class="g" xml:lang="en">Hawdon</em>, een engelsch <span xml:lang="en">sculler</span> van den tweeden rang, zou roeien,
+terwijl de overwinnaar in dezen match zich met <em class="g" xml:lang="en">Elliott</em> zou meten. De
+list gelukte volkomen: de Engelschen, die <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> niet kenden, wedden los
+en vast op hun <span xml:lang="en">champion</span>, en de heeren van de <i xml:lang="en">Hanlan-Club</i>, die allen
+waren overgekomen, namen alle weddenschappen aan.</p>
+
+<p>Toen <em class="g" xml:lang="en">Hawdon</em> met gemak was verslagen, vermoedden de Engelschen nog niets,
+daar <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> hierbij zich niet had behoeven in te spannen, zoodat zij
+voortgingen met op <em class="g" xml:lang="en">Elliott</em> te wedden. Maar daar versloeg hij op den
+16<sup>den</sup> Juni zonder de minste moeite ook <em class="g" xml:lang="en">Elliott</em>, waardoor hij den
+&bdquo;<i xml:lang="en">Sportsman Challenge Cup</i>&ldquo; en 400 veroverde, benevens het
+<span class="pagenum" title="17">&nbsp;</span><a id="p_17"></a>&bdquo;<i xml:lang="en">Championship of England</i>&ldquo;, en met stroomen vloeide het
+<ins class="corr" id="corr3" title="Bron: engelschegoud">engelsche goud</ins> in de zakken der Amerikanen.</p>
+
+<p>Bij zijne terugkomst te Toronto werd hij feestelijk ingehaald door eene
+deputatie met den burgemeester aan het hoofd, en de burgers schonken hem
+een huis van 20,000 Doll.</p>
+
+<p>In 1880 veroverde hij door zijne overwinning op <em class="g" xml:lang="en">Trickett</em> het
+&bdquo;<i xml:lang="en">Championship of the World</i>.&ldquo; Deze match had plaats op de <span xml:lang="en">Thames</span> en
+staat in de annalen van het roeien als een der gewichtigste feiten
+opgeteekend. Uit drie werelddeelen stroomden belangstellenden te samen
+om den strijd te aanschouwen, en het moet voor de Engelschen een
+beschamend gezicht zijn geweest op hunne oude <span xml:lang="en">Thames</span> een Amerikaan en
+Australir om den titel te zien strijden, dien vroeger een der hunnen
+bezat.</p>
+
+<p>Doch na 1876 hadden de Engelschen, wat het professionalroeien betreft,
+zich nooit meer kunnen opheffen.</p>
+
+<p>In 1881 sloeg hij <em class="g" xml:lang="en">Laycock</em>, die intusschen <em class="g" xml:lang="en">Trickett</em> overwonnen had en het
+daarom ook tegen <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> meende te kunnen opnemen, met het meeste gemak
+en wederom op de <span xml:lang="en">Thames</span>.</p>
+
+<p>In 1882 stak hij nogmaals naar Engeland over en versloeg er den
+engelschen <span xml:lang="en">Champion</span> <em class="g" xml:lang="en">Boyd</em> en <em class="g" xml:lang="en">Trickett</em> nogmaals.</p>
+
+<p>In 1883 won hij het in Amerika tegen <em class="g" xml:lang="en">Kennedy</em>, <em class="g" xml:lang="en">W. Ross</em> en vele anderen.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="18">&nbsp;</span><a id="p_18"></a></p>
+
+<p>In Mei 1884 versloeg hij nogmaals <em class="g" xml:lang="en">Laycock</em>.</p>
+
+<p>Doch ditzelfde jaar zou noodlottig voor hem worden en zijne gelukszon
+zien ondergaan.</p>
+
+<p>Het bericht in de &bdquo;<i xml:lang="de">Wassersport</i>&ldquo; over zijne nederlaag begon met de
+woorden:</p>
+
+<div class="poem" xml:lang="de">
+<div class="stanza">
+ <div class="i0">&bdquo;Es fiel ein Stern herunter<br /></div>
+ <div class="i0">Aus seiner funkelnden Hh'&ldquo;<br /></div>
+</div>
+</div>
+
+<p>En zoo was het. <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> had eindelijk zijn meester gevonden.</p>
+
+<p>Het was <em class="g" xml:lang="en">William Beach</em>, die hem op de <span xml:lang="en">Paramatta</span> bij Sidney versloeg om
+500 en het <i xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr4" title="Bron: Campionship">Championship</ins> of the World</i> op den 16<sup>den</sup> Aug. 1884.
+Wel is waar bevocht hij den 7<sup>den</sup> Febr. 1885 terzelfde plaatse weer de
+overwinning tegen den Australir <em class="g" xml:lang="en">Clifford</em> om 1000 en gaf daardoor
+zijne landgenooten hoop, dat hij ook tegen <em class="g" xml:lang="en">Beach</em> bij een tweeden match
+zou kunnen stand houden, doch deze verwachting werd niet vervuld. Den
+28<sup>sten</sup> Maart 1885 werd hij wederom door <em class="g" xml:lang="en">Beach</em> geslagen, die thans den
+<i xml:lang="en">Championtitel</i> voert.</p>
+
+<p><em class="g" xml:lang="en">Beach</em> is den 6<sup>den</sup> Sept. 1852 geboren en woont te <span xml:lang="en">Dapto, Illawara</span>. Van
+beroep is hij smid en gelukkige vader van zes kinderen. Zijn
+lichaamskracht moet buitengewoon zijn. Vr zijn match met <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> had
+hij de beroemdste <span xml:lang="en">scullers</span> van Australi verslagen.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="19">&nbsp;</span><a id="p_19"></a></p>
+
+<p>Den 24<sup>sten</sup> Oct. 1885 leed <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> zijne derde nederlaag op de <span xml:lang="en">Hudson</span>.
+Thans was het <em class="g" xml:lang="en">John Teemer</em>, een nog jong en veelbelovend amerikaansch
+<span xml:lang="en">sculler</span>, die hem overwon.</p>
+
+<p>Daar <em class="g" xml:lang="en">Beach</em> niet veel van reizen en trekken schijnt te houden, zullen
+<em class="g" xml:lang="en">Teemer</em> en <em class="g" xml:lang="en">Ross</em> wel de helden van het naderend seizoen zijn. Met de
+Engelschen behoeven zij althans geen rekening te houden, daar <em class="g" xml:lang="en">Ross</em> nog
+den 10<sup>den</sup> Maart 1884 den besten engelschen roeier <em class="g" xml:lang="en">Bubear</em> uit <span xml:lang="en">Putney</span>
+versloeg, dien hij zelfs 10 sekonden had vrgegeven.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Werpen wij thans een blik op ons land.</p>
+
+<p>Op pag. 17 van zijn <i xml:lang="de">Handbuch des Rudersport</i> houdt <em class="g" xml:lang="de">V. Silberer</em> eene
+lange lofrede op de &bdquo;<i xml:lang="de">Allgemeine Sport-Zeitung</i>,&ldquo; die sedert 1880 te
+Weenen het licht ziet, en&mdash;waarvan hij zelf uitgever is. Om nu nog niet
+eens te spreken van het andere fraais, dat hij er van verhaalt, wil ik
+op n volzin wijzen. Van het (dus: zijn) blad sprekend zegt hij:
+&bdquo;<i xml:lang="de">welche heute das erklrte Central-Organ des gesammten Rudersportwesens
+in Deutschland, Oesterreich, Holland, Russland und der Schweiz bildet</i>&ldquo;.</p>
+
+<p>Wij zijn met den roeisport in twee van deze vijf rijken bekend, en in
+Duitschland is het <i xml:lang="de">Central-Organ des gesammten Rudersportwesens</i> niet
+de <i xml:lang="de">A. Sportzeitung</i>, maar de <i xml:lang="de">Wassersport</i>; terwijl Nederland zijn
+<i>Nederlandsche Sport</i> heeft. Op de drie overblijvende landen zal dus ook
+wel iets af te dingen zijn.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="20">&nbsp;</span><a id="p_20"></a></p>
+
+<p>Het eerste nummer der &bdquo;<i>Nederlandsche Sport</i>&ldquo; zag den 11<sup>den</sup> Maart
+1882 het licht. Hoewel het aan alle takken van sport is gewijd en
+stukken over paardrijden en honden de meeste ruimte gewoonlijk in beslag
+nemen, zoo staan hare kolommen toch ook voor de roeiers steeds open;
+mochten dezen toch wat meer van deze gastvrijheid gebruik maken!</p>
+
+<p>In de eerste nummers gaf de &bdquo;<i>Sport</i>&ldquo; eenige mededeelingen over het
+ontstaan der oudste roeivereenigingen in Nederland. Wij ontleenen
+daaraan de volgende bizonderheden.</p>
+
+<p>In 1846 werd te Rotterdam onder voorzitterschap van <em class="g">Prins Hendrik der
+Nederlanden</em> &bdquo;<i>de Koninklijke Nederlandsche <span xml:lang="de">Yacht-Club</span></i>&ldquo; opgericht,
+waarvan ook vele Amsterdammers lid werden. Spoedig ontstond er tusschen
+de Rotterdammers, die <em class="g">Prins Hendrik</em> aan hun hoofd hadden, en de
+Amsterdammers geschil, waarop deze laatsten hun ontslag namen. Deze
+vereeniging bestaat thans niet meer.</p>
+
+<p>In 1847 werd daarop te Amsterdam &bdquo;<i>de Koninklijke Nederlandsche Zeil- en
+Roeivereeniging</i>&ldquo; opgericht, waarvan in het volgend jaar <em class="g">Koning Willem
+II</em> het beschermheerschap aanvaardde. Reeds op 30 Sept. 1848 hield deze
+vereeniging haar eersten wedstrijd op het IJ.</p>
+
+<p>In 1848 werd de R. en Z. V. &bdquo;<i>de Hoop</i>&ldquo; te Amsterdam gesticht, wier
+leden in datzelfde jaar den prijs, bestaande uit een door <em class="g">Prins Hendrik</em>
+geschonken <span class="pagenum" title="21">&nbsp;</span><a id="p_21"></a>beker, wonnen tegen twee rotterdamsche ploegen. Deze
+wedstrijd werd den 12<ins class="corr" id="corr5" title="Subscript in Bron."><sup>den</sup></ins> Aug. 1848 te Rotterdam gehouden
+en is de eerste giekenwedstrijd in ons land geweest.</p>
+
+<p>In 1851 werd daarop te Rotterdam de Z. en R. V. &bdquo;<i>de Maas</i>&ldquo; opgericht.</p>
+
+<p>Het IJ, de Maas en de Amstel waren nu weldra getuigen van vele
+wedstrijden tusschen deze beide vereenigingen, wier ploegen binnen
+korten tijd ook in Belgi (vooral te Antwerpen en Namen) en in Frankrijk
+tallooze overwinningen behaalden.</p>
+
+<p>Toch duurde het lang, voordat nieuwe clubs naast de bestaande verrezen.
+Eerst het jaar 1874 gaf aan verscheidene nieuwe vereenigingen tegelijk
+het leven; en na dat jaar werd het getal grooter en grooter en neemt nog
+jaarlijks toe. Zonderling is het echter dat zij steeds zijn beperkt
+gebleven tot het midden van ons land; in het noorden en zuiden wordt het
+roeien weinig of niet beoefend.</p>
+
+<p>Vooral op de laatste jaren kunnen de nederlandsche roeiers met trots
+terugzien: 1883, 1884 en 1885 zagen daar, waar Nederlanders en vreemden
+tegen elkaar kampten, steeds de eersten de zege behalen; jammer alleen,
+dat wij, door ons verzet tegen den <span xml:lang="en">outrigger</span>, van de engelsche races
+kunnen wegblijven.</p>
+
+<p>Ook het inwendige, de verhouding onderling is bij ons beter dan in den
+vreemde.</p>
+
+<p>De <i>Nederlandsche</i> Sport bevat geene hatelijke <span class="pagenum" title="22">&nbsp;</span><a id="p_22"></a>stukken, die door
+afgunst zijn in de pen gegeven, geene kleingeestige haarklooverijen,
+waardoor verslagene roeiers hunne nederlaag tot eene overwinning
+trachten te maken, geene berichten van vijandelijkheden in dezelfde
+club.</p>
+
+<p>Onze amateurs zijn ook als roeiers <span xml:lang="en">gentlemen</span>.</p>
+
+<p>De <i>Koninkl. Ned. Zeil- en Roeivereeniging</i> wordt dikwijls en terecht de
+moeder der nederlandsche roeivereenigingen genoemd. Want niet alleen is
+zij de oudste en worden hare jaarlijksche wedstrijden als de
+belangrijkste van het seizoen beschouwd, ook in een ander opzicht
+betoont zij zich eene zorgzame moeder voor hare kinderen.</p>
+
+<p>Toen in 1885 eene zaak van algemeen belang voor de nederlandsche
+roeivereenigingen het gemis aan een gemeenschappelijken band deed
+gevoelen, riep zij afgevaardigden van alle clubs tot eene vergadering te
+Amsterdam samen; en de zaak werd na onderlinge overweging tot een goed
+einde gebracht. Het gold toen de stuurmanskwestie, waarop wij <a href="#stuurmanskwestie">nader</a>
+zullen terugkomen.</p>
+
+<p>Deze vergadering had het nut van dergelijke bijeenkomsten z duidelijk
+doen uitkomen, dat zij nu jaarlijks plaats vindt. Ook op die van 1886
+werd een belangrijk voorstel aangenomen: de instelling van een
+nederlandsch kampioenschap in <span xml:lang="en">single-sculling outrigged</span>.</p>
+
+<p>Nadat dit in principe was besloten, verklaarden <span class="pagenum" title="23">&nbsp;</span><a id="p_23"></a>zich een twintigtal
+heeren bereid om dien wedstrijd, zoowel de leiding als de kosten, geheel
+op zich te nemen, en er een schoonen prijs voor uit te loven, die drie
+achtereenvolgende jaren moet gewonnen worden alvorens het eigendom te
+worden van den overwinnaar.</p>
+
+<p>Zij verbonden er echter de voorwaarde aan, dat de wedstrijd steeds bij
+Amsterdam zou plaats vinden en internationaal moest zijn.</p>
+
+<p>Tegen het eerste bestond natuurlijk geen bezwaar. De vergadering
+verzocht echter om den wedstrijd althans de eerste keeren slechts voor
+nederlandsche <span xml:lang="en">scullers</span> open te stellen.</p>
+
+<p>Volgens onze meening ware het beter een wedstrijd om het kampioenschap
+van Nederland ook alleen voor Nederlanders te houden. Het doel van eene
+dergelijke race is immers: te zien wie van de nederlandsche <span xml:lang="en">scullers</span> de
+beste is.</p>
+
+<p>Het is daarom onze hoop, dat de milde gevers hiertoe nog mogen
+besluiten.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Ook ons land heeft sedert eenige jaren zijne universiteitswedstrijden.</p>
+
+<p>In Leiden was in 1874 de Studenten-Roeivereeniging &bdquo;<i xml:lang="no">Njord</i>&ldquo; opgericht,
+en in 1876 zag te Delft de Studenten-Roeivereeniging &bdquo;<i xml:lang="no">Laga</i>&ldquo; het licht.</p>
+
+<p>In 1878 vond, op eene uitdaging van Leiden, aldaar de eerste wedstrijd
+tusschen beide clubs in <span class="pagenum" title="24">&nbsp;</span><a id="p_24"></a>vierriemsgieken (vaste banken) plaats, die met
+de overwinning van Delft eindigde.</p>
+
+<p>In 1880 gaf <i xml:lang="no">Njord</i> een internationalen wedstrijd en verbond hieraan
+wederom eene race voor Studenten-Roeivereenigingen, waarin Delft
+nogmaals met 10 sekonden de zege behaalde.</p>
+
+<p>Bij dezen wedstrijd roeide Delft op <span xml:lang="en">sliding-seats</span>, terwijl Leiden ook
+eene boot met <span xml:lang="en">sliding-seats</span> had, doch de <span xml:lang="en">slidings</span> had vastgezet, wijl de
+ploeg aan vaste banken de voorkeur gaf.</p>
+
+<p>In 1881 had de wedstrijd te Delft plaats; beide partijen roeiden op
+sliding-seats, Delft in eene boot van <em class="g" xml:lang="fr">Dossunet</em>, Leiden in eene van
+<em class="g" xml:lang="en">Clasper</em>. Voor de derde maal was Delft de eerste met een voorsprong van
+12 seconden.</p>
+
+<p>In 1882 dong ook de inmiddels opgerichte Studenten-Roeivereeniging
+&bdquo;<i>Triton</i>&ldquo; uit Utrecht mede. De wedstrijd had plaats te Leiden en de
+uitslag was, dat Leiden de overwinning behaalde. Delft kwam 35 seconden
+later als tweede aan en Utrecht bleef 18 sekonden achter Delft.</p>
+
+<p>In 1883 werd door de drie vereenigingen de &bdquo;<i>Nederlandsche
+Studentenroeibond</i>&ldquo; opgericht. Het bestuur hiervan bestaat uit zes leden
+(van elke vereeniging twee), dat jaarlijks op een onzijdig terrein een
+wedstrijd doet houden. Er wordt geroeid in vierriemsgieken, bemand door
+de beste roeiers van elke vereeniging. Zoo vond in datzelfde jaar nog
+<span class="pagenum" title="25">&nbsp;</span><a id="p_25"></a>de eerste race van den bond te Oudshoorn plaats op een baan van 3400 M.
+met een omvaartsboei op de helft der baan.</p>
+
+<p>Bij de boei was Leiden eenige lengten vr Utrecht, Utrecht evenveel
+vr Delft, toen er tusschen beide laatsten aanvaring plaats vond,
+zoodat Leiden alln aan de winboei kwam, en den prijs verkreeg. Deze
+bestaat uit het eerediploma en vijf gouden medailles, waaraan door <em class="g">Mr.
+J. Cohen Stuart</em>, eerelid van <i xml:lang="no">Njord</i>, jaarlijks een kunstvoorwerp ter
+waarde van 100 gulden onder den naam &bdquo;<i>Oprichtersprijs</i>&ldquo; wordt
+toegevoegd.</p>
+
+<p>In 1884 had de wedstrijd wederom te Oudshoorn plaats. Het bestuur had nu
+besloten om er ook races voor seniores in tweeriems- en voor juniores
+in vierriems en tweeriems aan toe te voegen om der wille van het
+publiek. Het nummer &bdquo;<i>Oude vier</i>&ldquo; bleef echter het hoofdnummer, <i>de
+<span xml:lang="en">universityrace</span></i>. De prijs werd wederom door Leiden behaald, dat 4
+sekonden vr Utrecht en 36 sekonden vr Delft den <span xml:lang="en">winning-post</span>
+bereikte.</p>
+
+<p>De baan was even lang als het vorige jaar, maar thans zonder draaiboei.</p>
+
+<p>In 1885 werd de strijd op het Noorder-Spaarne bij Haarlem gestreden. Het
+hoofdnummer werd weder op eene rechte baan, die van Spaarndam naar de
+stad liep, geroeid en zag Leiden als overwinnaar uit den strijd komen.
+Leiden legde de baan 18 sekonden <span class="pagenum" title="26">&nbsp;</span><a id="p_26"></a>sneller af dan Utrecht en 30 sekonden
+sneller dan Delft.</p>
+
+<p>Gedurende de vier laatste jaren bezigden alle drie clubs gieken van
+<em class="g" xml:lang="fr">Dossunet</em>.</p>
+
+<p>Ook in 1886 is besloten den wedstrijd ter zelfder plaatse te houden, die
+daarvoor dan ook alle voordeelen aanbiedt.</p>
+
+<p>Hoewel de drie clubs natuurlijk ook op andere wedstrijden meermalen
+hunne krachten hebben gemeten, zullen wij dezen, evenmin als de
+bijnummers op de universiteitswedstrijden, hier opsommen, daar het
+ons slechts te doen is om in 't kort na te gaan de resultaten van de
+nederlandsche &bdquo;<i xml:lang="en">Varsity</i>.&ldquo;</p>
+
+<p>Moge zij weldra evenveel belangstelling in Nederland ondervinden als de
+Oxford-Cambridge race in Engeland geniet; en het lichtblauw van Leiden,
+het rood van Delft, het donkerblauw van Utrecht op het jaarlijksche
+roeifeest de borst sieren van duizenden en duizenden van belangstellende
+toeschouwers! Dat zij zoo!</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 71px;">
+<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="27">&nbsp;</span><a id="p_27"></a></p>
+
+<h3 class="h3uitslag"><span class="uvw">UITSLAG VAN WEDSTRIJDEN,</span><br />
+die in het eerste hoofdstuk zijn besproken.</h3>
+
+<div class="figcenter" style="width: 117px;">
+<img src="images/deco4.png" width="117" height="3" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race" xml:lang="en">Oxford and Cambridge Eight-Oared Race.</span><br />
+ De baan was in 1829 te <span xml:lang="en">Henley</span>, in 1836 tot en met 1842 van
+ <span xml:lang="en">Westminster</span> naar <span xml:lang="en">Putney</span>,
+ daarna van <span xml:lang="en">Putney</span> naar <span xml:lang="en">Mortlake</span>.
+ </caption>
+<thead>
+ <tr>
+ <th>Jaar.</th>
+ <th>Overwinnaar.</th>
+ <th>Tijd.</th>
+ <th>Gewonnen met</th>
+ </tr>
+</thead>
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1829</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">14&prime; 30&Prime;</td>
+ <td class="tdc">gemakkelijk.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1836</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">36&prime;</td>
+ <td class="tdc">1&prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1839</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">31&prime;</td>
+ <td class="tdc">1&prime; 45&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1840</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">26&prime; 30&Prime;</td>
+ <td class="tdc">&#8532; L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1841</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">32&prime; 30&Prime;</td>
+ <td class="tdc">1&prime; 4&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1842</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">30&prime; 45&Prime;</td>
+ <td class="tdc">13&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1845</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">23&prime; 30&Prime;</td>
+ <td class="tdc">30&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1846<a id="FNa_1" href="#FN_1" class="fnanchor"><sup>1</sup>)</a></td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 5&Prime;</td>
+ <td class="tdc">2 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1848</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">22&prime;</td>
+ <td class="tdc">3 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1849</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">&mdash;</td>
+ <td class="tdc">aanvaring.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1852</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 36&Prime;</td>
+ <td class="tdc">27&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1854</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 29&Prime;</td>
+ <td class="tdc">11&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1856</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 50&Prime;</td>
+ <td class="tdc"> L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl"><span class="pagenum" title="28">&nbsp;</span><a id="p_28"></a>1857</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 50&Prime;</td>
+ <td class="tdc">35&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1858</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 23&Prime;</td>
+ <td class="tdc">22&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1859</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 30&Prime;</td>
+ <td class="tdc">C. gezonken.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1860</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">26&prime;</td>
+ <td class="tdc">1 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1861</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">23&prime; 27&Prime;</td>
+ <td class="tdc">48&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1862</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 40&Prime;</td>
+ <td class="tdc">30&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1863</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">23&prime; 5&Prime;</td>
+ <td class="tdc">42&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1864</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 48&Prime;</td>
+ <td class="tdc">23&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1865</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 23&Prime;</td>
+ <td class="tdc">13&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1866</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 48&Prime;</td>
+ <td class="tdc">15&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1867</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 40&Prime;</td>
+ <td class="tdc"> L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1868</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">21&prime;</td>
+ <td class="tdc">6 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1869</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">20&prime; 20&Prime;</td>
+ <td class="tdc">5 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1870</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 33&Prime;</td>
+ <td class="tdc">1 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1871</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">23&prime; 5&Prime;</td>
+ <td class="tdc">1 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1872</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 16&Prime;</td>
+ <td class="tdc">2 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1873<a id="FNa_2" href="#FN_2" class="fnanchor"><sup>2</sup>)</a></td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">19&prime; 35&Prime;</td>
+ <td class="tdc">3 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1874</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 39&Prime;</td>
+ <td class="tdc">3 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1875</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 2&Prime;</td>
+ <td class="tdc">10 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1876</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">20&prime; 20&Prime;</td>
+ <td class="tdc">8 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1877</td>
+ <td class="tdl">dead heat</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 8&Prime;</td>
+ <td class="tdc"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1878</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 15&Prime;</td>
+ <td class="tdc">10 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1879</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 18&Prime;</td>
+ <td class="tdc">4 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1880</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 23&Prime;</td>
+ <td class="tdc">4 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1881</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 51&Prime;</td>
+ <td class="tdc">3 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1882</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">20&prime; 12&Prime;</td>
+ <td class="tdc"> L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl"><span class="pagenum" title="29">&nbsp;</span><a id="p_29"></a>1883</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">gemakkelijk</td>
+ <td class="tdc">3 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 39&Prime;</td>
+ <td class="tdc">3 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 36&Prime;</td>
+ <td class="tdc">3 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1886</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 39&Prime;</td>
+ <td class="tdc"> L.</td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race" xml:lang="en">Henley-on-Thames Royal Regatta</span><br />
+ <i xml:lang="en">Diamond Challenge Sculls, for Scullers.</i>
+ </caption>
+<thead>
+ <tr>
+ <th>Jaar.</th>
+ <th xml:lang="en">Winner.</th>
+ <th>Tijd.</th>
+ </tr>
+</thead>
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1844</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Bumpsted, Seullers's Club, London</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 32&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1845</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Wallace, Leander</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 30&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1846</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Moon, Magdalen Coll., Oxford<ins class="corr" id="corr6" title="Niet in Bron.">.</ins></td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1847</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Maule, First Trinity, Cambridge</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 45&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1848</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Bagshawe, Third Trin. Cambridge.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1849</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">T. R. Bone, London.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1850</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">T. R. Bone, Meteor C., London.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1851</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. G. Peacock, Thames C., London.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1852</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Macnaghten, First Trin., Cambridge.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1853</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Rippingall, Peterhouse, Cambridge</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 2&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1854</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. H. Playford, Wandle C., London.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1855</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, Argonauts C., London.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1856</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, Argonauts C., London</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 27&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1857</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, London R. C.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1858</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, London R. C.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1859</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. D. Brickwood, Richmond</td>
+ <td class="tdr">10&prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1860</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. H. Playford, London R. C.</td>
+ <td class="tdr">12&prime; 8&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1861</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, London R. C.</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 4&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1862</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. D. Brickwood, Richmond</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 40&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl"><span class="pagenum" title="30">&nbsp;</span><a id="p_30"></a>1863</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">C. B. Lawes, Third Trin., Cambridge</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 43&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1864</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. B. Woodgate, Brasenose Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 3&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1865</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 11&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1866</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 55&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1867</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 2&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1868</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. Stout, London R. C.</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 6&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1869</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 56&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1870</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. B. Close, First Trinity, Cambridge</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 43&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1871</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. Fawcus, Tynemouth R. C.</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 9&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1872</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">C. C. Knollys, Magdalen Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 48&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1873</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 45&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1874</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 50&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1875</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. C. Dicker, Lady Margaret Club</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 15&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1876</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">F. L. Playford, London R. C.</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 28&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1877</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 20&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1878</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 37&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1879</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">12&prime; 13&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1880</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 10&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1881</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 28&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1882</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Jesus Coll., Cambridge</td>
+ <td class="tdr">11&prime; 43&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1883</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Kingston R. C.</td>
+ <td class="tdr">10&prime; 2&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. S. Unwin, Magdalen Coll., Oxford</td>
+ <td class="tdr">9&prime; 40&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. S. Unwin.</td>
+ <td class="tdr"></td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<p><span class="pagenum" title="31">&nbsp;</span><a id="p_31"></a></p>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race" xml:lang="en">Wingfield Sculls</span><br />
+ <i xml:lang="en">and the Championship of the Thames.</i><br /><br />
+Baan van 1830&ndash;1849 <span xml:lang="en">Westminster&ndash;Putney</span>,<br />
+1849&ndash;1861 <span xml:lang="en">Putney&ndash;Kew</span>,<br />
+1861 <span xml:lang="en">Putney&ndash;<ins class="corr" id="corr7" title="Bron: Morlake">Mortlake</ins></span>.<br />
+ </caption>
+
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1830</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. H. Bayford.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr><td class="tdl">1831</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">C. Lewis.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1832</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Julius.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1833</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">C. Lewis.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1834 en 35</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Julius.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1836</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. Wood.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1837</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">P. Colquhoun.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1838</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. Wood.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1839</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. Chapman.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1840 en 41</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">T. L. Jenkins.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1842 en 43</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. Chapman.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1844</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">T. B. Bumpsted.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1845</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. Chapman.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1846</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">C. Russell.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1847 en 48</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. R. L. Walmisley.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1849</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">F. Playford.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1850 en 51</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">T. R. Bone.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1852</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. G. Peacock.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1853</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Paine.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1854</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. H. Playford.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1855&ndash;60</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1861</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. D. Brikwood</td>
+ <td class="tdl">29&prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1862</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. B. Woodgate</td>
+ <td class="tdl">27&prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1863</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. E. Parker</td>
+ <td class="tdl">25&prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1864</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. B. Woodgate</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 35&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1865</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. B. Lawes</td>
+ <td class="tdl">27&prime; 4&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1866</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. B. Michell</td>
+ <td class="tdl">27&prime; 26&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1867</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. B. Woodgate.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1868</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. Stout</td>
+ <td class="tdl">26&prime; 52&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1869 en 70</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. de L. Long.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1871</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. Fawcus</td>
+ <td class="tdl">26&prime; 13&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1872</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">C. C. Knollys</td>
+ <td class="tdl">28&prime; 30&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1873 en 74</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. C. Dicker</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 40&Prime; en 25&prime; 45&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1875&ndash;79</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">F. L. Playford</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 41&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1880</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. Payne</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 2&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1881</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 13&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1882</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">A. Payne</td>
+ <td class="tdl">27&prime; 40&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1883</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes.</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884 en 85</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. S. Unwin</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 12&Prime;</td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<p><span class="pagenum" title="32">&nbsp;</span><a id="p_32"></a></p>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race" xml:lang="fr">Championnat de France.</span>
+ </caption>
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1853 tot 1856</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Frdric Lowe.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1857 tot 1861</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Louis Armet.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1862</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Edmond Gamby.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1863</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Louis Huot.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1864&ndash;1867</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Eug. Frbault.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1868, 69, 71 tot 75</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Rg. Gesling.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1876 tot 1883</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Alex. Lein.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">A. d'Hautefeuille.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Louis Bidauld.</td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race" xml:lang="fr">Match annuel</span><br />
+ <i xml:lang="fr">entre le Rowing-Club et la Socit Nautique de la Marne</i>.
+ </caption>
+<thead>
+ <tr><th></th><th></th><th>gewonnen met</th>
+ </tr>
+</thead>
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1880</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Rowing Club</td>
+ <td class="tdl">41&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1881</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Rowing Club</td>
+ <td class="tdl">45&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1882</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">S. N. de la Marne</td>
+ <td class="tdl">37&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1883</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">S. N. de la Marne</td>
+ <td class="tdl">20&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">Rowing Club</td>
+ <td class="tdl">44&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr8" title="Bron: RowingClub">Rowing Club</ins></td>
+ <td class="tdl">5 L.</td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race" xml:lang="de">Meisterschaft von Deutschland.</span>
+ </caption>
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1882</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">Achilles Wild,</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">Frankfurter R. G. &bdquo;Germania&ldquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1883</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">J. Bungert,</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">Mannheimer R. C.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">Achilles Wild,</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">Frankfurter R. G. &bdquo;Germania&ldquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">Achilles Wild,</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">Frankfurter R. G. &bdquo;Germania&ldquo;</td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race" xml:lang="fr">Championnat de Belgique.</span>
+ </caption>
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1874</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr"> Alfr. Vidrequin,</td>
+ <td class="tdc" xml:lang="fr">Bruxelles.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1875</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Aug. Bartholom,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1876</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Hector Donies,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1877</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Hector Donies,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1878</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Hector Donies,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1879</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Hector Donies,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1880</td>
+ <td class="tdl">Josef Polak,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1881</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="de">H. Werlemann,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1882</td>
+ <td class="tdl">Joseph Polak,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1883</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">M. Chaudoir,</td>
+ <td class="tdc" xml:lang="fr">Lige.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">Trasenster,</td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="fr">M. Chaudoir<ins class="corr" id="corr9" title="Niet in Bron.">,</ins></td>
+ <td class="tdc">&bdquo;</td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<p><span class="pagenum" title="33">&nbsp;</span><a id="p_33"></a></p>
+
+<p class="center noi">NEDERLAND.</p>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race">Universiteitswedstrijd.</span></caption>
+<thead>
+ <tr>
+ <th>Jaar.</th>
+ <th>Overwinnaar.</th>
+ <th>Plaats.</th>
+ <th>Gewonnen met:</th>
+ </tr>
+</thead>
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1878</td>
+ <td class="tdl">Delft,</td>
+ <td class="tdl">op den Rijn bij Leiden</td>
+ <td class="tdl">gew. m. ?</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1880</td>
+ <td class="tdl">Delft,</td>
+ <td class="tdl">op den Rijn bij Leiden</td>
+ <td class="tdl"> &nbsp; &bdquo; &nbsp; &bdquo; 10&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1881</td>
+ <td class="tdl">Delft,</td>
+ <td class="tdl">op de Schie bij Delft</td>
+ <td class="tdl"> &nbsp; &bdquo; &nbsp; &bdquo; 12&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdltop">1882</td>
+ <td class="tdltop">Leiden,</td>
+ <td class="tdltop">op den Rijn bij Leiden</td>
+ <td class="tdl"> &nbsp; &bdquo; &nbsp; &bdquo; 35&Prime; vr Delft,<br />&nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp;53&Prime; vr Utrecht.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdltop">1883</td>
+ <td class="tdltop">Leiden,</td>
+ <td class="tdltop">Oudshoorn,</td>
+ <td class="tdl">aanvaring van Delft en Utrecht.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdltop">1884</td>
+ <td class="tdltop">Leiden,</td>
+ <td class="tdltop">Oudshoorn</td>
+ <td class="tdl">gew. m. 4&Prime; vr Utrecht,<br />&nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp;36&Prime; vr Delft.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdltop">1885</td>
+ <td class="tdltop">Leiden,</td>
+ <td class="tdltop">Haarlem</td>
+ <td class="tdl"> &nbsp; &bdquo; &nbsp; &bdquo; 18&Prime; vr Utrecht,<br />&nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp; &nbsp;30&Prime; vr Delft.</td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<table class="wedstrijd" summary="" style="width: 18em;" title="Bron vermeldt geen uitslagen.">
+ <caption class="center"><span class="race">Kampioenschap van Nederland.</span></caption>
+<tbody>
+<tr><td>&nbsp;</td><td>&nbsp;</td></tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<p><span class="pagenum" title="34">&nbsp;</span><a id="p_34"></a></p>
+
+<table class="wedstrijd" summary="">
+ <caption class="center"><span class="race"><i xml:lang="en">Matches of Professionals for the Championship.</i></span><br />
+ </caption>
+
+<tbody>
+ <tr>
+ <td class="tdl" colspan="3" xml:lang="en">P. M. = Putney&ndash;Mortlake.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdc size85" colspan="3">De tusschen haakjes geplaatste naam is die van den overwonnene.
+ <hr class="hr20" /></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1831 (9 Sept.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">C. Campbell (C. Williams).</td>
+ <td class="tdl"></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1846 (19 Aug.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">R. Coombes (C. Campbell) P. M.</td>
+ <td class="tdl">26&prime; 15&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1852 (24 Mei)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">T. Cole (R. Coombes) P. M.</td>
+ <td class="tdl">26&prime; 15&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1854 (20 Nov.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Messenger (T. Cole) P. M.</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 25&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1857 (12 Mei)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. Kelley (J. Messenger) P. M.</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 30<ins class="corr" id="corr10" title="Bron: &prime;">&Prime;</ins></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1859 (25 Sept.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">R. Chambers (H. Kelley) P. M.</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 25&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr><td class="tdl">1865 (8 Aug.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. Kelley (R. Chambers) P. M.</td>
+ <td class="tdl">23&prime; 26&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1866 (22 Nov.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">R. Chambers (J. Sadler) P. M.</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 4&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1867 (6 Mei)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">H. Kelley (R. Chambers) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td>
+ <td class="tdl">31&prime; 47&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1868 (17 Nov.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Renforth (H. Kelley) P. M.</td>
+ <td class="tdl">23&prime; 15&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1874 (17 April)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. H. Sadler (E. Bagnall) P. M.</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 15&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1875 (15 Nov.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. H. Sadler (R. W. Boyd) P. M.</td>
+ <td class="tdl">28&prime; 5&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1876 (27 Juni)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Trickett (J. H. Sadler) P. M.</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 45&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1877 (19 Maart)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">R. W. Boyd (W. Nicholsen) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 40&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1877 (28 Mei)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">R. W. Boyd (J. Higgins) P. M.</td>
+ <td class="tdl">28&prime; 24&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1877 (8 Oct.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Higgins (R. W. Boyd) P. M.</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 10&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1878 (14 Jan.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Higgins (R. W. Boyd) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">foul<ins class="corr" id="corr11" title="Niet in Bron.">.</ins></td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1878 (3 Juni)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Higgins (W. Elliott) P. M.</td>
+ <td class="tdl">24&prime; 38&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1878 (17 Sept.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. Elliot (R. W. Boyd) P. M.</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">foul.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1879 (17 Febr.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. Elliot (J. Higgins) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 1&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1879 (16 Juni)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (W. Elliot) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 21&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1880 (15 Nov.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (E. Trickett) P. M.</td>
+ <td class="tdl">26&prime; 12&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1881 (14 Febr.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (E. C. Laycock) P. M.</td>
+ <td class="tdl">25&prime; 41&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl"><span class="pagenum" title="35">&nbsp;</span><a id="p_35"></a>
+ 1882 (3 April)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (R. W. Boyd) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td>
+ <td class="tdl">21&prime; 25&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1882 (1 Mei)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (E. Trickett) P. M.</td>
+ <td class="tdl">28&prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1883 (31 Mei)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (J. L. Kennedy) Point of Pines Canada</td>
+ <td class="tdl">m. 15 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1883 (18 Juli)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (W. Ross) Lawrence River U. S.</td>
+ <td class="tdl">m. 20 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884 (22 Mei)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (E. C. Laycock) Melbourne Nep.</td>
+ <td class="tdl">m. L. in 22&prime; 45&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1884 (16 Aug.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. Beach (E. Hanlan) Paramatta</td>
+ <td class="tdl">m. 6 L. in 20&prime; 29&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885 (7 Febr.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (Clifford) Paramatta</td>
+ <td class="tdl">m. 7 L.</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885 (28 Maart)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">W. Beach (E. Hanlan) Paramatta</td>
+ <td class="tdl">m. 10 L. in 22&prime; 51&Prime;</td>
+ </tr>
+ <tr>
+ <td class="tdl">1885 (24 Oct.)</td>
+ <td class="tdl" xml:lang="en">J. Teemer (E. Hanlan) Hudson Riv.</td>
+ <td class="tdl">22&prime; 11&Prime;</td>
+ </tr>
+</tbody>
+</table>
+
+<hr class="fnsep" />
+
+<div class="footnote"><p><a id="FN_1" href="#FNa_1" class="label"><sup>1</sup>)</a> Voor den eersten keer in <span xml:lang="en">outriggers</span>.</p></div>
+
+<div class="footnote"><p><a id="FN_2" href="#FNa_2" class="label"><sup>2</sup>)</a> Voor den eersten keer met <span xml:lang="en">sliding-seats</span>.</p></div>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 71px;">
+<img src="images/deco5.png" width="71" height="47" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="36">&nbsp;</span><a id="p_36"></a></p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 463px;">
+<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<h2><a id="II"></a>TWEEDE HOOFDSTUK.</h2>
+
+<hr class="chbegin" />
+
+<p class="subh2">DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN.</p>
+
+<h3> 1. <i>De Boot.</i></h3>
+
+<div><img class="cap" src="images/cap_d.png" width="76" height="116" alt="" /></div>
+
+<p class="drop">De booten worden in twee hoofdgroepen verdeeld: <i xml:lang="en">outrigged-</i> en
+<i><span xml:lang="en">inrigged</span>booten</i>.</p>
+
+<p>Bij ons te lande wordt bijna uitsluitend de laatste soort gebezigd, om
+welke reden wij daaraan het meest onze aandacht zullen wijden.</p>
+
+<p>Daar echter de veranderingen en verbeteringen aan de <i><span xml:lang="en">outrigged</span>booten</i>
+ook op die der tweede soort grooten invloed hebben uitgeoefend, zullen
+wij vooraf eene korte beschrijving van <i><span xml:lang="en">outrigged</span>booten</i> geven. De
+snelheid eener boot is afhankelijk van twee hoofdfactoren, n.l. hare
+breedte en de lengte van <span class="pagenum" title="37">&nbsp;</span><a id="p_37"></a>den hefboom des riems. De uitvinding van den
+<span xml:lang="en">outrigger</span> nu is de eenvoudige oplossing van het probleem: de lengte van
+den hefboom onafhankelijk te maken van de breedte der boot, m. a. w. de
+boot smaller te kunnen maken, zonder dat het daarbij noodig is den
+hefboom te verkorten. <em class="g" xml:lang="en">H. Clasper</em> van <span xml:lang="en">New-Castle on Tyne</span> heeft in 1841
+deze vraag opgelost door de dollen, in plaats van op het boord, buiten
+de boot op een uitstekend ijzeren toestel aan te brengen.</p>
+
+<p>Naar dit toestel nu, dat den naam <i xml:lang="en">outrigger</i> draagt, worden ook de
+booten, die er mede voorzien zijn, <i xml:lang="en">outriggers</i> genoemd.</p>
+
+<p>Zij hebben in Amerika en Engeland de oudere bootsoorten op wedstrijden
+geheel verdrongen, zijn in Duitschland reeds overal ingevoerd en
+beginnen ook in Frankrijk en Belgi het burgerrecht te verkrijgen. In
+Nederland is tot nog toe de <i xml:lang="en">single-sculling</i> de eenige
+vertegenwoordiger van de <i xml:lang="en">outriggers</i> op wedstrijden.</p>
+
+<p>Daar <i xml:lang="en">outriggers</i>, die voor wedstrijden gebruikt worden, gewoonlijk niet
+meer dan een paar centimeter boven het water uitsteken, zijn zij met taf
+overdekt, uitgezonderd het gedeelte waarin de roeiers zitten. Dit wordt
+door eene kleine verhooging der boorden, het <i>waschboord</i> genaamd, tegen
+het binnenslaan der golven beveiligd.</p>
+
+<p>Bij <i xml:lang="en">inrigged-</i> of <i xml:lang="en">rowlockboats</i> (<i xml:lang="fr">yole-gigs</i>, <i xml:lang="de">Dollenboote</i>), <span class="pagenum" title="38">&nbsp;</span><a id="p_38"></a>bij ons
+kortweg <i>gieken</i> geheeten, zijn de dollen niet op <span xml:lang="en">outriggers</span>, maar op de
+boorden aangebracht.</p>
+
+<p>De <i>giek</i> is breeder en hooger dan de <i xml:lang="en">outriggers</i>; breeder, omdat geen
+<span xml:lang="en">outrigger</span> hierin de lengte van den hefboom onafhankelijk maakt van de
+breedte der boot; hooger, omdat zij niet overdekt zijn. Doordat echter
+de roeiers niet in het midden der boot, maar tegen de boorden zitten,
+kan hierdoor de hefboom weer langer zijn.</p>
+
+<p>Hoewel, zooals reeds gezegd is, in vele landen op wedstrijden door den
+<i xml:lang="en">outrigger</i> verdrongen, zal toch ook daar de <i>giek</i> steeds moeten
+blijven bestaan voor het oefenen van beginners; want om in een
+<i xml:lang="en">outrigger</i> te kunnen gaan roeien moet men het tot zekere hoogte in de
+kunst gebracht hebben. Bij ons wordt de <i>giek</i> nog altijd op wedstrijden
+gebruikt, doch voorzien van allerlei veranderingen en verbeteringen, die
+in Engeland in verloop van tijd aan de <i xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr12" title="Bron: ontriggers">outriggers</ins></i> werden
+aangebracht. Zoo ziet een <i>racegiek</i> (<i xml:lang="fr">yole-gig de course</i>,
+<i xml:lang="de">Dollenrennboot</i>), die men tegenwoordig van fransche of duitsche
+bootbouwers ontvangt, er geheel anders uit dan eene echte, oude
+engelsche <i xml:lang="en">inriggedracingboat</i>; de <span xml:lang="en">sliding-seat</span> is er in aangebracht, de
+oude houten dollen zijn door <i xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr13" title="Bron: swivling-rowlocks">swiveling-rowlocks</ins></i> vervangen,
+en deze staan niet meer op het boord, doch op een naar buiten stekend,
+op het boord aangebracht stuk hout, zoodat het eigenlijk geen
+<i xml:lang="en">inriggers</i> meer zijn. En nog worden er jaarlijks nieuwe veranderingen
+<span class="pagenum" title="39">&nbsp;</span><a id="p_39"></a>in aangebracht en worden onze vereenigingen daardoor jaar op jaar
+gedwongen zich nieuwe booten aan te schaffen, zoo zij ten minste op
+wedstrijden niet door haar materiaal aan de tegenpartij een voordeel
+willen verschaffen; en de bootbouwers wrijven zich de handen van plezier
+en worden steeds scherpzinniger in het uitvinden van &bdquo;<i xml:lang="en">innovations</i>&ldquo;;
+want elke nieuwigheid heeft nieuwe bestellingen tengevolge.</p>
+
+<p>Hiertegenover staat, dat wij, de <i xml:lang="en">outriggers</i> op onze wedstrijden
+invoerende, onze vereenigingen vele kosten zouden besparen, daar het
+model van een <i xml:lang="en">outrigger</i> niet telkens verandert.</p>
+
+<p>Maar het grootste voordeel zou zijn, dat wij ook met de Engelschen, tot
+dusver de eersten onder de amateurs, onze krachten zouden kunnen meten,
+terwijl wij nu met onze <i>gieken</i> op het vasteland kunnen blijven.</p>
+
+<p>Waarom niet flink en doortastend terstond de <i xml:lang="en">outriggers</i> ingevoerd in
+plaats van krampachtig aan onze <i xml:lang="en">inriggers</i> vast te houden, die toch
+eigenlijk geen <i xml:lang="en">inriggers</i> meer zijn?</p>
+
+<p>Wij stellen met onze hybridische <i>gieken</i> nog ns de uitvinding van den
+<i xml:lang="en">outrigger</i> voor.</p>
+
+<p>Immers men verhaalt, dat ook de eerste <i xml:lang="en">outrigger</i> slechts een houten
+toestel was om de dollen naar buiten te brengen, en dat <em class="g" xml:lang="en">Clasper</em> hierop
+het denkbeeld heeft opgevat om dit toestel te verlengen en <span class="pagenum" title="40">&nbsp;</span><a id="p_40"></a>uit ijzeren
+stangen te vervaardigen. En dat was in 1841!</p>
+
+<p>Ook bij onze naburen, de Belgen, is de <i xml:lang="en">outrigger</i> zeer koel ontvangen
+en slechts op enkele &bdquo;<i xml:lang="fr">courses pour embarcations de construction libre</i>&ldquo;
+verschenen. Toch vindt hij daar ijverige verdedigers, getuige het
+jaarverslag over 1885 van de <i xml:lang="fr">Cercle des Rgates</i> te Brussel, waarin men
+leest: &bdquo;<span xml:lang="fr">Depuis longtemps les socits des pays voisins nous ont devancs
+dans cette voie, et il est rellement fcheux qu'en Belgique certains
+cercles persistent dans leurs anciens errements.</span>&ldquo;</p>
+
+<p>Zoowel <i xml:lang="en">outriggers</i> als <i xml:lang="en">inriggers</i> ontvangen naar het aantal roeiers,
+waarvoor zij bestemd zijn, hun naam. Zoo heet eene boot voor 8, 6, 4 of
+2 roeiers een <i>achtriems</i> (<i xml:lang="en">eight-oar</i>, <i xml:lang="fr">gig huit rameurs</i>,
+<i xml:lang="fr">Achtriemer</i>), <i>zesriems</i>, <i>vierriems</i> of <i>tweeriems</i> (<i xml:lang="en">pair-oar</i>).</p>
+
+<p>Wanneer de roeier slechts n riem hanteert, zoo heet deze <i xml:lang="en">oar</i>
+(<i xml:lang="fr">aviron de pointe</i>); roeit hij echter met twee riemen, dan worden deze
+<i xml:lang="en">sculls</i> (<i xml:lang="fr">avirons de couple</i>) genoemd, de roeier is dan een <i xml:lang="en">sculler</i>
+en de boot een <i xml:lang="en">scullingboat</i>.</p>
+
+<p>Een boot, die slechts voor n roeier bestemd is, heet daarom
+<i xml:lang="en">single-scullingboat</i>.</p>
+
+<p>Ook komen wel booten voor, die voor meerdere <span xml:lang="en">scullers</span> zijn ingericht.</p>
+
+<p>Booten, die door meerdere roeiers worden voortbewogen, hebben gewoonlijk
+een stuurman.</p>
+
+<p>In Amerika en Engeland worden echter <i>vierriems<span xml:lang="en">outriggers</span></i> <span class="pagenum" title="41">&nbsp;</span><a id="p_41"></a>meestal&mdash;en
+<i>tweeriemsoutriggers</i> (<i xml:lang="en">pairoars</i>) altijd door een der roeiers gestuurd.</p>
+
+<p>De tegenwoordige <i xml:lang="en">single sculling outrigger</i>, waarin alom om het
+&bdquo;<i xml:lang="en">championship</i>&ldquo; geroeid wordt, draagt in Belgi en Frankrijk algemeen
+den naam van <i>skiff</i>, waaronder vroeger een geheel ander vaartuig werd
+verstaan. Toen was het een korte, zware en wijde boot, die eenigszins
+het model van eene <i xml:lang="en">wherry</i> had.</p>
+
+<p>De <i xml:lang="en">wherry</i> was vr twintig jaren de meest voorkomende boot op de
+<span xml:lang="en">Thames</span>. Zij gelijkt op een <i>giek</i>, maar is zwaarder en korter, terwijl
+de boorden, in plaats van over de geheele lengte dezelfde hoogte te
+hebben, op de plaatsen, waar de dollen zijn aangebracht, oploopen. Zij
+is meestal overnaadsch en dient voor het maken van tochten, zoodat zij
+dikwijls ook voor zeilen is ingericht.</p>
+
+
+<h3> 2. <i>Onderdeelen der Boot.</i></h3>
+
+<p>Wanneer men zich in eene boot gezeten denkt met het gelaat naar den
+voorsteven, evenals de stuurman, dan heet de linkerzijde <i>bakboord</i>
+(<i xml:lang="en">port</i> of <i xml:lang="en">larboard</i>, <i xml:lang="fr">babord</i>, <i xml:lang="de">Backbord</i>)&mdash;de rechterzijde
+<i>stuurboord</i> (<i xml:lang="en">starboard</i>, <i xml:lang="fr">tribord</i>, <i xml:lang="de">Steuerbord</i>).</p>
+
+<p>Het voorste gedeelte tot aan den eersten roeier wordt de <i>boeg</i> (<i xml:lang="en">bow</i>,
+<i xml:lang="de">Bug</i>)&mdash;het achterste tot aan den stuurman de <i>achtersteven</i> (<i xml:lang="en">stern</i>)
+genoemd; het overige heet <i xml:lang="en">midships</i>.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="42">&nbsp;</span><a id="p_42"></a></p>
+
+<p>Tot de onderdeelen overgaande hebben wij vooreerst: de <i>kiel</i> (<i xml:lang="en">the
+keel</i>), die bij zware booten aan den binnen- en buitenkant&mdash;doch bij
+racebooten alleen aan den binnenkant zichtbaar is. Zij vormt geen rechte
+lijn, maar is aan de beide uiteinden eenigszins opwaarts gebogen en is
+dus als 't ware de ruggegraat der boot.</p>
+
+<p>Aan beide zijden van de kiel zijn de <i>ribben</i> (<i xml:lang="en">the ribs</i>, <i xml:lang="en">timbers</i> of
+<i xml:lang="en">lands</i>, <i xml:lang="de">die Rippen</i>) bevestigd. Het is van groot belang, dat de ribben
+stevig met de kiel verbonden zijn, daar zij het beloop der zijwanden
+aangeven.</p>
+
+<p>De <i>waterlijn</i> is de streep, die het water op de zijden der boot
+afteekent, wanneer deze bemand op het water ligt. Daar elke boot ne
+bepaalde ligging op het water heeft, waarbij zij het snelst loopen kan,
+is het groot geheim der kunst juist in het vaststellen dier lijn
+gelegen.</p>
+
+<p>Het lichaam zelf der boot bestaat uit lange, smalle, over elkander
+sluitende planken, die tegen de ribben genageld zijn. Zulke booten
+heeten <i>overnaadsche-</i> of <i>klinkerbooten</i>.</p>
+
+<p>Bij <i>lichte</i> of <i>gladde booten</i>, die op wedstrijden gebruikt worden, is
+het lichaam uit lange, breede en zeer dunne bladen hout samengesteld.
+Deze zijn door stoom gebogen en sluiten z dicht tegen elkander, dat
+het geheele uitwendige eene gladde oppervlakte vertoont.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="43">&nbsp;</span><a id="p_43"></a></p>
+
+<p>Deze laatste soort wordt gewoonlijk van amerikaansch cederhout
+vervaardigd, terwijl de overnaadsche booten meestal van eiken- of
+mahoniehout zijn gemaakt en voor oefen- of pleiziervaartuigen dienen.</p>
+
+<p>Racebooten worden tegenwoordig z gemaakt, dat zij in twee of drie
+stukken kunnen worden uit elkander genomen, hetgeen vooral voor het
+vervoer zeer gemakkelijk is en vele kosten bespaart. De Franschen noemen
+zulk eene boot <i xml:lang="fr">dmontable</i>, de Duitschers <i xml:lang="de">zusammenlegbar</i>.</p>
+
+<p>In Amerika worden racebooten in de laatste jaren ook van papier
+vervaardigd; zij moeten ten opzichte van lichtheid, gemakkelijke
+reparatie, groote hechtheid, enz. vele voordeelen aanbieden. Door lang
+in het water te liggen zal de papieren substantie, al is deze ook nog
+zoo hard gemaakt, naar onze meening, echter noodzakelijk water inzuigen.
+In Europa zijn zij nog slechts weinig in gebruik om de eenvoudige reden,
+dat de Amerikanen de bewerking geheim houden. Al heeft men er dus de
+hooge transportkosten voor over om hier zulk eene boot te bezitten, zoo
+moet men haar toch bij elke averij in Amerika laten herstellen.</p>
+
+<p><i>Boeg</i> (<i xml:lang="en">stem</i>, <i xml:lang="de">Bug</i>) heet het voorste gedeelte der boot, dat het water
+doorsnijdt, terwijl het achterstuk, waaraan het roer bevestigd wordt,
+<i>achtersteven</i> (<i xml:lang="en">stern</i> of <i xml:lang="en">afterpart</i>, <i xml:lang="de">Hintersteven</i>)&mdash;en bij booten,
+waarbij <span class="pagenum" title="44">&nbsp;</span><a id="p_44"></a>dit deel niet scherp uitloopt, maar een klein plat vlak vormt,
+<i>hek</i> (<i xml:lang="en">transom</i>, <i xml:lang="de">Heck</i>) wordt genoemd.</p>
+
+<p>De <i>loopplanken</i> liggen altijd los op den bodem der boot om er bij het
+schoonmaken te kunnen worden uitgenomen.</p>
+
+<p>De <i>spoorplank</i> of het <i>voetbord</i> (<i xml:lang="en">stretcher</i>, <i xml:lang="fr">la barre de pied</i>,
+<i xml:lang="de">Stemmbrett</i>), waartegen men bij het roeien de voeten plaatst, kan naar
+gelang van de lengte der beenen verplaatst worden. Hierop is de
+<i>voetriem</i> bevestigd, die de voeten van den roeier omsloten houdt en
+deze daardoor in de voor- en achterwaartsche bewegingen ondersteunt. Het
+is noodzakelijk voor de regelmatigheid dezer bewegingen, dat beide
+voeten in voetriemen steken, daar de roeier, zoo slechts n der voeten
+door een riem is omvat, na het einde van den slag alle kracht bij het
+naar voren komen op die zijde van het lichaam overbrengt.</p>
+
+<p><i>Dollen</i> (<i xml:lang="en">rowlocks</i>, <i xml:lang="fr">dames</i>, <i xml:lang="de">Dullen</i>) zijn de houten of metalen
+pennen, waartusschen de riem bij het roeien ligt. Zij zijn bij
+<i xml:lang="en">inriggers</i> op de boorden&mdash;bij <i xml:lang="en">outriggers</i> op de <i xml:lang="en">outriggers</i>
+aangebracht. De een, waartegen de riem bij het trekken drukt, heet de
+<i>trekdol</i> (<i xml:lang="en">thowl</i>, <i xml:lang="fr">dame d'arrt</i>, <i xml:lang="de">Ruderpflock</i>), de ander, die bij
+het strijken dienst doet, de <i>strijkdol</i> (<i xml:lang="en">stopper</i> of <i xml:lang="en">after-thowl</i>,
+<i xml:lang="fr">dame de retour</i>, <i xml:lang="de">Streichpflock</i>).</p>
+
+<p>Het houtje, dat tusschen de beide dollen ligt en waarop de riem rust,
+heet het <i>scheerhout</i> of <i>vulhout</i> (<i xml:lang="en">filling</i>,
+<i xml:lang="de">Dullenlager</i><ins class="corr" id="corr14" title="Cursief in Bron.">&nbsp;of&nbsp;</ins><i xml:lang="de">Ftterung</i>).</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="45">&nbsp;</span><a id="p_45"></a></p>
+
+<p>Sedert eenige jaren is men in Amerika op de gedachte gekomen om
+beweegbare dollen op <span xml:lang="en">sculling</span>booten te plaatsen.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 550px;">
+<img src="images/ill_p045.png" width="550" height="524" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 1.</div>
+</div>
+
+<p>Het is eene uitvinding, die op het invoeren der <span xml:lang="en">sliding-seat</span>
+noodzakelijk volgen moest. Terwijl immers hierdoor de roeier werd in
+staat gesteld om de <span xml:lang="en">sculls</span> veel verder naar voren en achteren te brengen
+dan op vaste banken, moesten ook de dollen verder van elkander worden
+geplaatst. Dit nu was nadeelig, 1<sup>e</sup> door de grootere speelruimte,
+welke de <span xml:lang="en">scull</span> daardoor tusschen de dollen kreeg, en door de daaruit
+<span class="pagenum" title="46">&nbsp;</span><a id="p_46"></a>voortvloeiende onvastheid,
+en 2<ins class="corr" id="corr15" title="Subscript in Bron."><sup>e</sup></ins> door de grootere wrijving.</p>
+
+<p>Deze beide bezwaren nu worden door de <i>draaidollen</i> (<i xml:lang="en">swivel rowlocks</i>)
+opgeheven, daar de roeier hierbij zver met zijne <span xml:lang="en">sculls</span> reiken kan,
+als hij zelf maar wil.</p>
+
+<p>Van deze draaidollen bestaan tegenwoordig alweer tallooze soorten. Ook
+de fransche bootbouwers brengen ze op <span xml:lang="en">inriggers</span> aan. Voor een der beste
+soorten geldt de &bdquo;<i xml:lang="en">Davis swivel rowlock</i>&ldquo;, waarvan ook <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> zich
+steeds bediend heeft. (zie fig. 1).</p>
+
+<p>De <i>riem</i> (<i xml:lang="en">oar</i> of <i xml:lang="en">scull</i>, <i xml:lang="fr">aviron</i> of <i xml:lang="fr">rame</i>, <i xml:lang="de">Ruder</i> of <i xml:lang="de">Riem</i>)
+bestaat uit vier deelen: het <i>handvat</i> (<i xml:lang="en">handle</i>, <i xml:lang="fr">le manche</i>, <i xml:lang="fr">la
+poigne</i>, <i xml:lang="de">Griffe</i>), het <i>binneneind</i> (<i xml:lang="en">loom</i>, <i xml:lang="de">Innenhebel</i>), het
+<i>buiteneind</i> (<i xml:lang="en">shank</i> of <i xml:lang="en">small</i>, <i xml:lang="de">Aussenhebel</i>) en het <i>blad</i> (<i xml:lang="en">blade</i>,
+<i xml:lang="fr">pelle</i>, <i xml:lang="de">Blatt</i>).</p>
+
+<p>Op de plaats, waar de riem in de dollen rust, is hij over eene lengte
+van 15 cM. met leder bekleed om de wrijving te verminderen; en hierop is
+het <i>stootler</i> (<i xml:lang="en">stop</i>, <i xml:lang="de">Pflock</i> of <i xml:lang="de">Knopf</i>) aangebracht, dat het
+uitglijden uit de dollen verhindert.</p>
+
+<p>Dit stootleer werd gewoonlijk met drie lange draadnagels aan den riem
+vastgemaakt, waardoor deze op die plaats zeer verzwakt werd. In de
+meeste gevallen, dat riemen werden stukgetrokken, geschiedde dat op die
+plaats. Nu heeft een Engelschman <em class="g" xml:lang="en">Young</em> in 1885 een middel uitgevonden
+om het stootleer zonder spijkers aan den riem te bevestigen, <span class="pagenum" title="47">&nbsp;</span><a id="p_47"></a>en op zijne
+uitvinding patent aangevraagd. De door roeiers uit Londen, Oxford en
+Cambridge genomene proeven hebben uitstekend voldaan.</p>
+
+<p>Ook in de riemen heeft de Amerikaan <em class="g" xml:lang="en">Davis</em> in den laatsten tijd eene
+verbetering aangebracht. De as der bladen van de door hem vervaardigde
+riemen valt niet in het verlengde van den steel, maar vormt hiermede een
+hoek, zoodat bij het roeien de bovenkant van het blad evenwijdig is aan
+de wateroppervlakte, hoewel de steel van den riem met het watervlak
+natuurlijk een stompen hoek maakt.</p>
+
+<p>Onderstaande figuur geeft een <span xml:lang="en">scull</span> te zien, zooals die onder den trek
+in het water staat.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 647px;">
+<img src="images/ill_p047.png" width="647" height="157" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 2.</div>
+</div>
+
+<p>De proeven, die de berlijnsche bootbouwer <em class="g" xml:lang="de">Rettig</em> in 1885 met holle
+riemen heeft genomen, zijn niet bevredigend uitgevallen.</p>
+
+<p>Het <i>roer</i> (<i xml:lang="en">the rudder</i>, <i xml:lang="fr">la barre</i>, <i xml:lang="de">das Steuer</i>), dat met de roerpen
+aan den achtersteven wordt verbonden, bestaat uit het blad, en het juk,
+aan welks uiteinden de <i>stuurlijnen</i> (<i xml:lang="en">yokelines</i>, <i xml:lang="fr">fils</i>,
+<i xml:lang="en">Steuerleinen</i>) verbonden zijn.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="48">&nbsp;</span><a id="p_48"></a></p>
+
+<p>De <i>vanglijn</i> (<i xml:lang="en">painter</i> of soms <i xml:lang="en">headfast</i>) is het touw, waarmede de
+boot wordt vastgelegd.</p>
+
+<p>De zitplaatsen blijven ons nog ter bespreking over.</p>
+
+<p>De zitplaats van den stuurman, stuurbank genoemd, wordt tegenwoordig
+aldus in de boot aangebracht, dat men dien naar gelang van het gewicht
+van den stuurman kan verplaatsen.</p>
+
+<p>De <i>roeibanken</i> (<i xml:lang="en">thwarts</i>, <i xml:lang="fr">bancs de nage</i>, <i xml:lang="de">Ruderbnke</i>) staan dwars
+op de boot en zijn door middel van kniehoutjes aan de boorden bevestigd.</p>
+
+<p>Gewoonlijk zit de roeier op een aan den bank vastgebonden matje of
+kussen om het afglijden en drroeien tegen te gaan. Op wedstrijden
+echter lieten de roeiers die kussens weg en gleden op hunne banken heen
+en weder om den slag langer te kunnen maken; om deze beweging te
+vergemakkelijken werd de zitplaats wel met zeep of vet bestreken,
+waarover de roeier dan met eene met leder bekleede broek heen en weer
+schoof.</p>
+
+<p>Bij het scullen was deze methode ongetwijfeld voordeelig; doch bij het
+roeien, waarbij 6 10 slagen per minuut mr worden gemaakt, woog het
+voordeel van den langeren slag niet op tegen de buitengewone inspanning
+der beenen.</p>
+
+<p>Zoo was de beroemde ploeg van <span xml:lang="en">Renforth</span> gewoon op vaste banken te
+glijden, wanneer zij op een korten afstand alle krachten aanwendden (<i xml:lang="en">to
+make a spurt</i>, <span class="pagenum" title="49">&nbsp;</span><a id="p_49"></a><i xml:lang="fr">faire un enlevage</i>),
+doch op lange afstanden konden zij zulks niet volhouden. Ook de vierriemsploeg
+&bdquo;<em class="g" xml:lang="en">John-o' Gaunt</em>&ldquo; van
+<span xml:lang="en">Lancaster</span>, die in 1870 aan de <span xml:lang="en">Henley</span> deelnam, gleed over
+vaste banken, en verkreeg op eene korte baan eene groote snelheid; maar
+de beenen werden te zeer ingespannen, dan dat zij het lang vermochten
+vol te houden.</p>
+
+<p>Zonderling, dat roeiers, die toch inzagen, dat het gebrekkige in dit
+glijden voortkwam uit de wrijving van het lichaam op den bank, niet op
+de gedachte kwamen de beweging te vereenvoudigen door den bank tegelijk
+met het lichaam te laten glijden. Aan een Amerikaan is de theoretische
+toepassing van dit principe te danken. Maar de amerikaansche roeiers,
+hoewel schrander genoeg om in te zien dat, zoo het lichaam over den bank
+moest glijden, deze beweging gemakkelijker werd door op een afzonderlijk
+bankje over den eigenlijken bank heen en weer te gaan, stelden deze
+uitvinding niet genoeg op prijs; hetgeen wel hieraan wordt
+toegeschreven, dat de Amerikanen in dien tijd bij het roeien bijna allen
+hunne armen en schouders gebruiken, zonder aan het gebruik der been- en
+lendespieren gewicht te hechten.</p>
+
+<p>Een ploeg uit het noorden van Engeland, die destijds in Amerika
+vertoefde en daar de oplossing van het probleem zag, bracht het bij haar
+terugkomst in praktijk; en het groote nut der <i>glijbanken</i>
+(<i xml:lang="en">sliding-seats</i>, <span class="pagenum" title="50">&nbsp;</span><a id="p_50"></a><i xml:lang="fr">bancs coulisse</i>,
+<i xml:lang="de">Gleitsitze</i>) bleek op den
+wedstrijd voor vierriemsgieken in Nov. 1871 op de <span xml:lang="en">Tyne</span>. <em class="g" xml:lang="en">J. Taylor</em>
+namelijk had zijne ploeg overgehaald tot het beproeven der nieuwe
+methode en dit tot den dag van den wedstrijd zorgvuldig geheim gehouden.
+Het resultaat was verrassend, want de tegenpartij, de ploeg van
+<em class="g" xml:lang="en">Chambers</em>, werd met gemak verslagen.</p>
+
+<p>Twee wedstrijden in <span xml:lang="en">sculling</span>, in de daaropvolgende lente op de <span xml:lang="en">Thames</span>
+gehouden, deden het voordeel der glijbanken nog meer uitkomen.</p>
+
+<p>Zonderling is het verder, dat de Amerikanen, de eigenlijke uitvinders
+der glijbanken, nalieten er zich van te bedienen, en, terwijl zij zelven
+in hunne methode van roeien de beenen niet gebruikten, aan hunne
+mededingers, de Engelschen, door hunne uitvinding de beste wijze aan de
+hand gaven om het meeste voordeel van de beenspieren te trekken.</p>
+
+<p>Bekend is de overwinning van de <i xml:lang="en">London Rowing-club</i> op de <i xml:lang="en">Club
+Atalanta</i> van New-York, waarbij eerstgenoemde de glijbanken gebruikte.
+Hoewel toen de Engelschen, zoowel door meerdere physieke kracht als door
+hun beteren stijl, ook zonder dat voordeel de overwinning zouden hebben
+behaald, zoo was toch de <i xml:lang="en">sliding-seat</i> in de engelsche boot voor een
+groot gedeelte de oorzaak van de smadelijke nederlaag der Amerikanen.
+Maar juist de overtuiging, dat de Engelschen <span class="pagenum" title="51">&nbsp;</span><a id="p_51"></a>toch verreweg de baas
+waren, hield de oppositie tegen de nieuwigheid bij de roeiers van het
+oude stelsel nog levendig. Want de schoone stijl (zoo redeneerden zij)
+gaat er door verloren, al moge men dan ook iets in snelheid winnen.</p>
+
+<p>Mettertijd echter ging men inzien, dat de schoone stijl zeer goed te
+vereenigen was met het roeien op <i xml:lang="en">sliding-seats</i>, en dat, al valt het
+niet te ontkennen dat voorbeelden van goeden stijl minder talrijk zijn
+dan in den tijd van de vaste banken, deze toch langzamerhand terugkeert.</p>
+
+<p>En naarmate men het juiste gebruik der <i xml:lang="en">sliding-seat</i> beter zal leeren
+kennen, zullen alle roeiliefhebbers zich niet over het bederf van den
+stijl hebben te beklagen, doch zich verheugen over eene uitvinding, die
+alle lichaamsdeelen tot hun recht laat komen en het roeien tot een der
+volledigste lichaamsoefeningen maakt.</p>
+
+<p>In den laatsten tijd tracht men ook in de <i xml:lang="en">sliding-seat</i> weer
+verbeteringen te brengen door de banken over wieltjes te laten rollen.
+Daar men het over de zaak nog niet eens is, verwijzen wij
+belangstellenden naar de n<sup>o</sup>. 24 en 25 van de <i xml:lang="de">Wassersport</i> van 1885,
+waarin de kwestie door <em class="g" xml:lang="de">Dr. Schiller</em> in met teekeningen opgeluisterde
+opstellen wetenschappelijk behandeld wordt; en naar n<sup>o</sup>. 42, waar zij
+door <em class="g" xml:lang="de">R. Rochow</em> meer uit een praktisch oogpunt wordt besproken.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="52">&nbsp;</span><a id="p_52"></a></p>
+
+<p>Nog van eene andere uitvinding der Amerikanen moeten wij melding maken,
+n.l. het <i>windzeil</i> voor <span xml:lang="en">scullers</span>. Ieder <span xml:lang="en">sculler</span> weet bij ondervinding,
+hoe lastig het is om bij zijwind koers te houden, daar de boot steeds
+neiging heeft met den boeg tegen den wind in te loopen; hierdoor is men
+dan genoodzaakt met den arm aan de windzijde bijna alln te roeien,
+zoodat deze daardoor bovenmatig ingespannen en vroegtijdig vermoeid
+wordt.</p>
+
+<p>Verschillende middelen werden daartegen reeds beproefd, o. a. heeft men
+een gewicht van een kilo aan het achtereind der boot gehangen, onder aan
+de kiel een zwaard aangebracht: alles tevergeefs.</p>
+
+<p>Door het eerste middel namelijk lag de boot van achteren te diep en stak
+met den boeg in de lucht, door het tweede werd het draaien zoo goed als
+onmogelijk.</p>
+
+<p>Eerst het <i>windzeil</i> heeft de kwaal geheel verholpen. Het bestaat uit
+een dun blad hout, dat loodrecht op den boeg wordt geplaatst en aan
+elken zijwind is blootgesteld. De wind draait dan, door den druk op het
+zeil, den boeg zoover van zich af als de neiging der boot is om in den
+wind op te loopen, zoodat de boot haren rechten koers behoudt en de
+roeier beide armen gelijkelijk kan gebruiken, hetzij hij bij windstilte
+of bij sterken zijwind vaart.</p>
+
+<p>De beide volgende afbeeldingen van verschillend <span class="pagenum" title="53">&nbsp;</span><a id="p_53"></a>gevormde windzeilen,
+ontleend aan de &bdquo;<i xml:lang="en">Spirit of the Times</i>,&ldquo; zijn geplaatst op booten van de
+<i xml:lang="en">New-York Athletic-Club</i>.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 633px;">
+<img src="images/ill_p053a.png" width="633" height="220" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 3.</div>
+</div>
+
+<div class="figcenter" style="width: 635px;">
+<img src="images/ill_p053b.png" width="635" height="247" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 4.</div>
+</div>
+
+<hr />
+
+<p>Na alzoo de boot en hare onderdeelen te hebben besproken, rest ons nog
+het een en ander over de vervaardigers ervan te zeggen.</p>
+
+<p>Om dan met ons land te beginnen, kunnen wij de <em class="g">Gebr. van Heemstede Obelt</em>
+te Amsterdam noemen, die vooral in de laatste jaren in het <span class="pagenum" title="54">&nbsp;</span><a id="p_54"></a>bouwen van
+racegieken zijn vooruitgegaan, getuige de overwinningen der R. V.
+<i>Fortuna</i> in gieken van die firma behaald.</p>
+
+<p>Hunne booten zijn gewoonlijk zwaarder dan de fransche en engelsche, en
+dit is zeker de reden, waarom de nederlandsche roeivereenigingen hunne
+gieken meestal uit den vreemde laten komen.</p>
+
+<p>In het vorige jaar hebben zich ook te Rotterdam <em class="g" xml:lang="de">Deichmann</em> en <em class="g" xml:lang="en">Ritchie</em>,
+die vroeger bij <em class="g" xml:lang="de">Rettig</em> te Berlijn werkzaam waren, nedergezet en zich
+reeds een goeden naam verworven met booten voor berlijnsche clubs en
+voor de <i xml:lang="de">Deutsche Turn- und Ruder-Verein</i> te Rotterdam.</p>
+
+<p>De duitsche fabriekanten zijn ons onbekend, hoewel er in de laatste
+jaren aldaar velen zijn verrezen.</p>
+
+<p>Wij laten onze <span xml:lang="en">inriggers</span> voor verreweg het grootste gedeelte uit
+Frankrijk komen, hetzij van <em class="g" xml:lang="en">Louis Dossunet</em> te
+<span xml:lang="fr"><ins class="corr" id="corr16" title="Bron: Joinville-le&nbsp;Pont">Joinville-le-Pont</ins> ( l'Ecluse) Seine</span>
+of van <span xml:lang="fr"><em class="g">Tellier</em>, Quai de la Rape, Paris</span>.</p>
+
+<p>Bij <em class="g" xml:lang="fr">Dossunet</em> schijnt men zich wel het best te bevinden, daar alle
+nederlandsche ploegen, die de laatste jaren in Belgi, waar men algemeen
+aan booten van <em class="g" xml:lang="fr">Tellier</em> de voorkeur geeft, overwinningen hebben behaald,
+deze lauweren in booten uit <em class="g" xml:lang="fr">Dossunet</em>'s werkplaats hebben weggedragen.
+Ook zijn zijne booten veel billijker in prijs. De Stud. R. V. <i xml:lang="no">Njord</i>
+toch ontving in 1883 van hem een tweeriemsracegiek <span class="pagenum" title="55">&nbsp;</span><a id="p_55"></a>van 700 francs en in
+het volgend jaar een dito van <em class="g" xml:lang="fr">Tellier</em> voor 900 francs.</p>
+
+<p><span xml:lang="en">Inriggers</span> uit Engeland te laten komen is niet aan te raden, daar men
+zich daar niet meer bedient van de bootsoort, die bij ons op wedstrijden
+gebruikt wordt. Zoo hebben wij van <em class="g" xml:lang="en">Clasper</em> te Oxford in 1881 een
+vierriems- en in 1882 een zesriemsracegiek (beide <span xml:lang="en">inrigged</span>) gezien, die
+z slap waren, dat men bij het uit- en indragen bang was, dat ze inn
+zouden zakken.</p>
+
+<p>Voor losse riemen zijn <span xml:lang="en"><em class="g">E. Ayling</em>, oar and scullmaker, Vauxhall, London
+S. E.</span>, alsmede <span xml:lang="en"><em class="g">Norris</em>, York, Wandsworth</span> aan te bevelen, die zonder
+prijsverhooging bij <em class="g" xml:lang="de"><ins class="corr" id="corr17" title="Bron: Deichman">Deichmann</ins></em> en <em class="g" xml:lang="en">Ritchie</em> te verkrijgen
+zijn.</p>
+
+<p>Voor <span xml:lang="en">outriggers</span>, die door de genoemde fransche firmas trouwens ook
+vervaardigd worden, worden gewoonlijk genomen <span xml:lang="en"><em class="g">J. H. Clasper</em> in <span xml:lang="en">Oxford</span>;
+<em class="g">Searle &amp; Sons</em>, London, <em class="g">S. E. Stangate</em>, Lambeth;</span>
+en <em class="g" xml:lang="en">R. Simmons &amp; Sons</em> in <span xml:lang="en">Putney</span>.
+Bij <em class="g" xml:lang="en">Messum &amp; Sons</em> te <span xml:lang="en">Richmond</span> bevonden wij ons
+vroeger zeer goed wat betreft booten met vaste banken.</p>
+
+<hr />
+
+<p>De duurzaamheid eener boot hangt grootendeels af van de wijze van
+behandeling, vooral lichte racebooten kunnen door vele geforceerde
+wendingen in korten tijd worden tegronde gericht.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="56">&nbsp;</span><a id="p_56"></a></p>
+
+<p>Allereerst is het noodig, dat zij in een goed gesloten <i>giekenloods</i>
+(<i xml:lang="en">boathouse</i>, <i xml:lang="fr">garage</i>, <i xml:lang="de">Boothaus</i>) tegen weer en wind beschut zijn.
+Verder moeten zij aldus gelegd worden, dat zij door slechte ligging niet
+haren vorm kunnen verliezen. Zoo moet men eene boot nooit op de beide
+uiteinden laten rusten, daar zij dan in 't midden zal uitzakken, doch
+liefst op 3 of 4 dwarsbalken of bokken leggen, zdat zij op alle
+gelijkelijk steunt.</p>
+
+<p>Gedekte booten worden liefst in zeilen opgehangen.</p>
+
+<p>Een boot moet steeds goed gevernist zijn om het hout tegen slechte
+invloeden van weer en temperatuur te beschutten. Ook is het goed lichte
+booten van tijd tot tijd met vet in te wrijven, daar dit zoowel het
+vernis spaart als het hout tegen scheuren beschut, die door invloeden
+van water en hitte kunnen ontstaan.</p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 71px;">
+<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="57">&nbsp;</span><a id="p_57"></a></p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 463px;">
+<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<h2><a id="III"></a>DERDE HOOFDSTUK.</h2>
+
+<hr class="chbegin2" />
+
+<p class="subh2">HET ROEIEN.</p>
+
+<h3> 1. <i>Algemeene opmerkingen.</i></h3>
+
+<div><img class="cap" src="images/cap_g.png" width="78" height="117" alt="" /></div>
+
+<p class="drop">Geen lichaamsbeweging is er bijna, die zoozeer aanspraak kan maken op de
+goede eigenschap van 't aangename aan 't nuttige te verbinden, als 't
+roeien. Wat is heerlijker dan op een schoonen zomeravond over den
+gladden waterspiegel heen te glijden, en na een snikheeten Julidag te
+luisteren naar het geplas der riemen in het frissche water? Wat is
+gezelliger dan een roeitochtje, waarbij men onder eene frissche, gezonde
+beweging nieuwe streken doortrekt, vreemde dorpen en steden bezoekt?</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="58">&nbsp;</span><a id="p_58"></a></p>
+
+<p>Groot is daarom 't aantal van hen, die in eene boot hebben plaats
+genomen om dat genoegen te smaken, en die op dien grond beweren te
+kunnen roeien. Hoe weinigen zijn er echter onder hen, die beseffen hoe
+ingewikkeld en moeilijk deze lichaamsbeweging is, wanneer men er zich op
+toelegt om haar correct uit te voeren, wanneer men haar als een sport
+beschouwt!</p>
+
+<p>Het is waar, 't is het lot van de meeste lichaamsbewegingen om aldus
+behandeld te worden. De overgroote meerderheid stelt zich al heel
+spoedig tevreden, en getroost zich de moeite niet om haar in den grond
+te leeren. Maar het sterkst doet zich dit voor bij 't roeien.</p>
+
+<p>Wil men leeren paardrijden, men neemt dan ten minste toch eenige lessen;
+gaat men leeren schaatsenrijden, de moeielijkheden doen zich dan vaak in
+'t begin pijnlijk gevoelen; zoo is 't ook met 't schermen, 't zwemmen en
+zoo vele andere lichaamsoefeningen.</p>
+
+<p>Maar met 't roeien? Wel, men gaat met een vriend, die evenmin ooit een
+riem in zijne handen heeft gehad, in eene tweeriemsboot zitten; de
+eerste slagen gaan dan wel minder goed, maar spoedig toch begint het er
+wat meer naar te gelijken, de riemen komen wat meer gelijk in 't water,
+en heeft men bovendien leeren scheren, dan kan men roeien. Zoo is men in
+twee middagen een roeier.</p>
+
+<p>Wij behoeven zeker niet te zeggen, hoe dwaas het <span class="pagenum" title="59">&nbsp;</span><a id="p_59"></a>is dit te meenen; maar
+toch met hoeveel menschen gaat het niet op deze wijze!</p>
+
+<p>Het roeien is schijnbaar een zeer gemakkelijke beweging, omdat het zoo
+weinig moeite kost een vaartuig over 't water te doen glijden; maar
+tracht men met een minimum inspanning de grootst mogelijke snelheid te
+verkrijgen, dan eerst wordt het een sport, en wel een edele sport, omdat
+het een zeer groot aantal spieren in beweging brengt, en het lichaam
+harmonisch ontwikkelt. Het aanleeren van dezen sport, aldus beschouwd,
+kost veel moeite en eenigen tijd; en het is vooral zaak al dadelijk
+onder leiding te komen en niet te trachten het zich zelf te leeren, want
+allicht neemt men fouten aan, die later moeilijk afgeleerd worden.</p>
+
+<p>Een goede stijl wordt genoemd die methode van roeien, die de grootste
+resultaten voortbrengt, d. w. z. die met de minst mogelijke inspanning
+de grootst mogelijke snelheid doet verkrijgen. Bij het opsporen naar
+deze beste methode heeft men geput uit de kennis der spieren, en uit de
+natuurkunde; maar de ervaring, de praktijk is hier de voornaamste
+leermeesteres. Het spreekt van zelf, dat deze opsporing niet overal
+dezelfde resultaten heeft gegeven. Ook bij 't roeien heeft men
+verschillende meeningen, verschillende theorin. Maar omtrent een groot
+aantal punten, omtrent de hoofdzaken is men het ns.</p>
+
+<p>Bij 't onderzoek naar de vereischten voor een <span class="pagenum" title="60">&nbsp;</span><a id="p_60"></a>goeden stijl, heeft men
+zich laten leiden door dit beginsel, dat de krachtsinspanning zooveel
+mogelijk over het geheele lichaam moet verdeeld worden.</p>
+
+<p>Gemakkelijk is 't te begrijpen waarom. Werken slechts weinige spieren,
+dan drukt 't geheele gewicht van den arbeid op deze, en zij zullen niet
+alleen het niet zoo lang volhouden, maar er zal ook lang niet zooveel
+kracht ontwikkeld kunnen worden, als wanneer 't werk door een groot
+aantal spieren verricht wordt. Verdeeling van den arbeid dus, en wel
+naar de juiste maat; elke spier drage bij naar zijne krachten!</p>
+
+<p>Wij zullen trachten naar ons vermogen uiteen te zetten hoe men een
+eerstbeginnende de hoofdbeginselen van 't roeien leert, voor welke
+fouten hij zich vooral moet hoeden, en welke eischen men aan een goeden
+stijl mag stellen.</p>
+
+<p>Maar vooraf nog een raad. Laat hij, die wil leeren roeien, eerst leeren
+zwemmen, zoo hij deze kunst nog niet verstaat. Want hoewel niet
+dikwijls, zoo gebeurt 't toch soms, dat de boot omslaat, en dit gevaar
+bestaat vooral in ons land, waar men veel ruw water vindt. Aan hem, die
+op 't IJ of op de groote rivieren in ons land roeit, is deze raad in de
+eerste plaats gegeven, maar ook aan hem, die door de ligging van de
+plaats, waar zijne roeivereeniging gevestigd is, minder in de
+gelegenheid verkeert om zich op ruw water te begeven. Er zijn
+voorbeelden <span class="pagenum" title="61">&nbsp;</span><a id="p_61"></a>van 't verdrinken van een groot deel der bemanning door 't
+omslaan van de boot.</p>
+
+
+<h3> 2. <i>De eerste beginselen van de roeikunst.</i></h3>
+
+<p>Om iemand het roeien te leeren, is het raadzaam hem te plaatsen in
+eene zware tweeriemsgiek met vaste banken. De onderwijzer gaat op den
+stuurbank zitten, als slag neemt een geoefenden roeier plaats in de
+boot, terwijl de leerling den boegriem in handen krijgt. Deze methode
+heeft het voordeel, dat de leerling tegelijk dat hem de lessen worden
+gegeven, de toepassing ervan kan zien; de noodige wenken worden hem
+gegeven, de fouten worden hem aangewezen door den stuurman, terwijl hij
+een voorbeeld vr zich heeft in den slag, die hem de verschillende
+bewegingen vrdoet, en dien hij tracht na te volgen.</p>
+
+<p>Het eerste wat de leerling moet leeren is de <i>houding</i> in de boot. Hij
+plaatst zich midden op het aan den bank bevestigd matje. Dit matje moet
+op zoodanige wijze om den bank worden gebonden, dat men vlak bij het
+boord zit zonder het nochtans met zijn dijen aan te raken.</p>
+
+<p>De voeten worden stevig tegen het spoorplankje aangedrukt, na ze onder
+de voetriemen te hebben geschoven. Daarvoor is het noodig, dat het
+spoorplankje niet te ver verwijderd is, maar juist zver, <span class="pagenum" title="62">&nbsp;</span><a id="p_62"></a>dat de
+beenen niet geheel gestrekt kunnen worden, en de knien nog iets gebogen
+zijn. Vooral op dit laatste moet de onderwijzer letten, daar ieder
+eerstbeginnende de neiging heeft, om het spoorplankje zoover mogelijk
+van zich af te zetten, ten einde bij het scheren minder last van zijne
+knien te hebben. Toch is 't noodzakelijk voor een stevigen zit en voor
+een veerkrachtigen slag, dat de voeten stevig tegen den spoorplank
+aangedrukt worden, hetgeen alleen mogelijk is wanneer de beenen niet
+geheel gestrekt zijn.</p>
+
+<p>De hielen worden tegen elkander gedrukt en de voeten waaiervormig
+uitgespreid. De beenen worden evenwijdig met de bootskiel gestrekt.</p>
+
+<p>Het bovenlijf wordt volkomen rechtop gehouden, beide schouders op
+gelijke hoogte, en vooral niet naar n kant overhellend; 't gezicht en
+de borst gekeerd naar den achtersteven, met geen der zijden vooruit.</p>
+
+<p>De borst wordt naar boven gewelfd, en de schouders iets naar beneden
+achterwaarts gedrukt, maar zonder overdrijving, zonder zoogenaamden knip
+of deuk in den rug. Het doel moet zijn om de longen en het hart zooveel
+mogelijk ruim en onbekneld te laten werken, zonder toch eene gewrongen
+houding aan te nemen. Hoe meer ongedwongen, hoe vrijer en gemakkelijker
+men zit, hoe beter; want daardoor wordt de werking der spieren
+zuiverder, en kan er meer kracht ontwikkeld worden.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="63">&nbsp;</span><a id="p_63"></a></p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 401px;">
+<img src="images/ill_p063a.png" width="401" height="132" alt="" />
+<div class="caption"><i>Verkeerde greep.</i> Fig. 5.</div>
+</div>
+
+<div class="figcenter" style="width: 401px;">
+<img src="images/ill_p063b.png" width="401" height="116" alt="" />
+<div class="caption"><i><ins class="corr" id="corr18" title="Bron: Jui&nbsp;ste">Juiste</ins> greep.</i> Fig. 6.</div>
+</div>
+
+<p>Na de houding moet de leerling leeren zijn riem vast te houden.
+Onwillekeurig zal hij bij 't roeien wanneer hij eenige kracht wil
+zetten, zijn riem stevig omknellen, zelfs knijpen. (Zie fig. 5.) Dit nu
+is niets anders dan verspilling van krachten, want daardoor worden de
+spieren, nl. die van den benedenarm, gespannen en vermoeid, zonder er
+eenig grooter resultaat mede te verkrijgen. De handen moeten slechts
+dienen als middel om den riem te verbinden aan het lichaam; hoe losser
+dus de riem vastgehouden wordt, hoe beter, en daartoe buige men slechts
+de twee uiterste leden der vingers, waardoor er als 't ware een haak
+gevormd wordt, die zich om den riem slaat; (zie fig. 6) de duim wordt
+onder den riem gehouden en ook slechts <span class="pagenum" title="64">&nbsp;</span><a id="p_64"></a>met 't uiterste lid er tegen
+aangedrukt. De polsgewrichten mogen volstrekt niet naar beneden gebogen
+worden, want daardoor worden juist de spieren van den benedenarm
+ingespannen, hetgeen van geen nut is, en daarom streng verboden moet
+worden. Het doel moet immers zijn geen spier in te spannen, zonder
+daaruit eenig aan de krachtsinspanning evenredig resultaat te
+verkrijgen. De hand moet dus z gehouden worden, dat zij met den
+arm n rechte lijn vormt.</p>
+
+<p>De buitenhand houdt men geheel aan 't einde van den riem, de binnenhand
+ongeveer 1 d.M. er van af. Daar men met de buitenhand verder moet
+reiken, zoo moet deze nog losser om den riem geslagen zijn dan de
+binnenhand.</p>
+
+<p>Nu gaat de leerling slagklaar liggen, d. i. hij strekt 't lichaam flink
+vooruit, zonder nochtans den rug te krommen, of de schouders te veel
+naar voren te brengen, waardoor zijn hoofd zich als 't ware daartusschen
+verbergt; maar toch moet dit ongedwongen geschieden. Deze houding is
+voor den eerstbeginnende zeer lastig te leeren, want hij zal allicht in
+n van twee uitersten vervallen, f zijn rug krommen en de schouders te
+veel naar voren brengen, f stijf blijven zitten en zelfs een deuk, een
+holte in zijn rug maken.</p>
+
+<p>Maar na eenige oefening zal het hem gelukken de middelmaat te vinden,
+waarbij hij zijn <span class="pagenum" title="65">&nbsp;</span><a id="p_65"></a>borst vrij laat zonder zijn spieren geweld aan te
+doen.</p>
+
+<p>De armen worden volkomen gestrekt, 't lichaam evenwijdig met de kiel
+naar den achtersteven gericht, niet naar binnen gebogen, en zonder dat
+de buitenzijde mr naar voren komt.</p>
+
+<p>Nu wordt het tijd den leerling de verschillende bewegingen, die
+gezamenlijk 't roeien vormen, te leeren. Is hij slagklaar, dan wordt
+eerst 't blad van den riem juist verticaal in 't water gelaten, door de
+handen even op te lichten. Een punt van groot belang is dat <i>de stand
+van 't blad juist verticaal is</i>; noch de holle, noch de bolle zijde mag
+eenigszins naar boven gekeerd zijn; in 't eerste geval zou 't blad, bij
+'t maken van den slag, dadelijk in de diepte verdwijnen, zonder veel
+tegenstand van 't water te ondervinden, en dus in een gedeelte van den
+slag niet de voortstuwende kracht op de boot uitgeoefend worden, terwijl
+het bovendien moeite kost om den riem van uit de diepte weer uit 't
+water te brengen; in het tweede geval zou 't blad niet dadelijk geheel
+in 't water gaan, maar gedeeltelijk er boven blijven rusten, ja, soms
+zal het eerste gedeelte van den slag daardoor in de lucht gemaakt
+worden. Opdat het blad zuiver verticaal in 't water gehouden wordt, is
+het noodig dat de riem goed gevormd en niet gedraaid, het stootleer
+juist aangebracht is, en de trekdol niet scheef achterover staat. Het is
+zelfs <span class="pagenum" title="66">&nbsp;</span><a id="p_66"></a>wenschelijk, dat de afstand tusschen de dollen van boven kleiner
+is dan onderaan.</p>
+
+<p>Ook noodzakelijk is het, dat <i>niets meer maar ook niets minder dan het
+blad onder water wordt gestoken</i>. Komt een gedeelte van den steel ook
+onder water, dan zal grooter moeite ontstaan om den riem uit 't water te
+lichten, zonder dat de voortstuwende kracht grooter wordt, want de dunne
+steel ondervindt bijna geen weerstand van 't water; laat men echter een
+gedeelte van het blad boven water, dan zal de weerstand van 't water
+aanmerkelijk kleiner worden en daarmede ook de voortstuwende kracht.</p>
+
+<p>Nu wordt 't blad van den riem in rechte lijn in horizontale richting
+gelijkmatig door 't water getrokken, door met 't lichaam kalm achterover
+te zwaaien. <i>De armen worden daarbij volkomen gestrekt gehouden</i>, zoodat
+de kracht wordt uitgeoefend door de spieren van den rug. Eerst op 't
+einde van den slag, wanneer 't lichaam zijn zwaai volbracht heeft,
+worden de armen gebogen, en de riem tot aan den buik of de borst
+doorgetrokken. Men zorge hierbij steeds den rug niet te krommen, en op
+'t einde van den slag zelfs <i>de schouders achterwaarts neder te
+drukken</i>. <i>Het blad van den riem wordt</i>, zooals wij reeds zeiden,
+<i>gedurende den geheelen slag op gelijke hoogte onder het water gehouden
+tot op het einde toe</i>.</p>
+
+<p>Is de slag gemaakt, dan is 't noodig, ten einde een nieuwen slag te
+beginnen, dat 't lichaam <ins class="corr" id="corr19" title="Bron: op&nbsp;nieuw">opnieuw</ins> <span class="pagenum" title="67">&nbsp;</span><a id="p_67"></a>naar voren gebogen en de armen
+gestrekt worden.</p>
+
+<p>Om de verschillende bewegingen van 't roeien zuiver te leeren maken, is
+het noodig, dat ze in het begin langzaam en kalm uitgevoerd worden. Door
+ze dadelijk snel en vlug te willen maken, leert men fouten aan.</p>
+
+<p>Dus men ligt met 't lichaam iets achterover en 't handvat van den riem
+tegen den buik of den borst gedrukt. Nu wordt 't blad uit 't water
+gelicht door eene kleine drukking van de handen op den riem ('t scheren
+moet niet dadelijk geleerd worden, maar eerst nadat de leerling de
+bewegingen van 't roeien reeds eenigszins begint te begrijpen, en zich
+wat thuis begint te gevoelen in de boot), daarna worden de armen in ns
+gestrekt, en 't lichaam vooruit gebracht.</p>
+
+<p>Deze tweeledige beweging wordt in de volgende volgorde uitgevoerd: <i>men
+begint de armen te strekken, vrdat de voorwaartsche beweging van 't
+lichaam wordt gemaakt</i>, en wel omdat: 1. men veel meer moeite heeft
+de beweging te maken met gebogen armen, dan met gestrekte; ten bewijze
+hiervan beproeve men een zwaar voorwerp of een persoon weg te duwen met
+gebogen armen, en daarna met gestrekte; dan zal men bemerken dat 't
+laatste veel minder inspanning kost; 2. omdat, wanneer de armen niet
+dadelijk gestrekt worden, de knien in den weg zitten, vooral <span class="pagenum" title="68">&nbsp;</span><a id="p_68"></a>op
+<span xml:lang="en">sliding-seats</span>; maar ook op vaste banken, omdat ook hier de knien zich
+bij de voorover strekkende beweging van 't lichaam iets opheffen; 3.
+omdat, wanneer de voorwaartsche beweging wordt gemaakt met gebogen
+armen, 't lichaam zich noodzakelijk over den riem moet heenbuigen, en de
+borst wordt ingetrokken; 4. omdat anders de voorwaartsche beweging op
+'t einde niet langzaam uitloopt, zooals behoort, maar juist op 't laatst
+de grootste snelheid verkrijgt, zoodat zij met een schok moet eindigen.</p>
+
+<p>Wanneer deze beweging is volbracht, laat men het blad van den riem weer
+dadelijk in 't water, zooals hierboven is aangeduid, en begint op 't
+zelfde oogenblik te trekken, niet met een ruk, <i>maar toch met kracht,
+en met evenveel kracht trekt men den geheelen slag door</i>.</p>
+
+<p>Zoo maakt 't lichaam een slingerende beweging, evenwijdig met de
+kiel van de boot, zonder bij 't einde van den voorwaartschen of
+achterwaartschen zwaai te rusten. Zoodra de slag geindigd is, wordt de
+riem in n beweging uit 't water gelicht en naar achteren gebracht, en
+ook zoodra hij zijn vlucht boven 't water volbracht heeft, weer dadelijk
+in n beweging ondergedompeld en door het water heengehaald. <i>Er mag
+geen stilstand in de beweging van den riem zichtbaar zijn, ja,
+schijnbaar moet alles in n onafgebroken loop doorgaan.</i></p>
+
+<p>Eerst na de eerste lessen komt 't <i>scheren</i> aan de beurt. Dit is het
+naar achteren zwaaien van den <span class="pagenum" title="69">&nbsp;</span><a id="p_69"></a>riem met 't blad in horizontale houding.
+De moeilijkheid bestaat in 't platdraaien van 't blad. Dit moet op de
+volgende wijze geschieden: Nadat de slag geheel volbracht is, brengt men
+eerst eene drukking met de vingers op 't handvat van den riem teweeg,
+en vlak daarna drukt men er den palm van de hand tegen, waardoor de
+riem van zelf omgedraaid wordt en tegelijk het blad zijn vlucht over
+het water begint. Dit moet noodzakelijk in de aangegeven volgorde
+geschieden. Drukt men eerst den palm van de hand tegen den riem, dan zal
+'t blad zich noodwendig onder water omkeeren, en men &bdquo;vangt een snoek.&ldquo;
+Worden beide bewegingen tegelijk uitgevoerd, dan zal de onderkant van
+het blad nog even de gelegenheid hebben wat water mede te nemen en door
+de omdraaiende beweging een straaltje in de hoogte te werpen. Dit
+laatste is niet zoo gemakkelijk te vermijden, en zelfs oudere en meer
+geoefende roeiers ziet men het dikwijls doen.</p>
+
+<p>Men moet deze fout echter wel onderscheiden van eene andere veel
+grootere fout, n.l. het naar achter weg werpen van water. Terwijl het
+eerste een gevolg is van incorrect platdraaien van 't blad van den riem,
+is het laatste 't gevolg van een geheel verkeerde houding van den riem
+gedurende 't laatste gedeelte van den slag. Het blad van den riem wordt
+dan gedurende den slag reeds een weinig omgedraaid, zoo dat het niet
+geheel verticaal meer is, daarbij worden <span class="pagenum" title="70">&nbsp;</span><a id="p_70"></a>de handen niet in n rechten
+lijn naar den borst getrokken, maar in een boog naar beneden gedrukt.
+Zoo wordt met 't blad van den riem een kolom water mede opgelicht,
+en door 't laatste gedeelte van den slag weggeworpen. Dat dit tot
+de grootste fouten in 't roeien behoort, is duidelijk, want door 't
+naar beneden drukken van den riem worden krachten aangewend niet in
+horizontale richting, maar om de boot in 't water neer te drukken;
+bovendien gaat 't laatste gedeelte (hoe klein ook) van den slag in de
+lucht verloren. Nadat de leerling eenigen tijd op vaste banken heeft
+geroeid, en hij zich aangewend heeft bij het begin van den slag zijn
+lichaam flink vooruit te strekken, en bij het einde goed achterover te
+vallen, en de slingerende beweging van het bovenlijf zonder schokken of
+stooten uit te voeren, dan wordt het eerst tijd hem op <span xml:lang="en">sliding-seats</span> te
+doen plaats nemen. Hier wordt de beweging meer gecompliceerd, daar nu
+de werking der beenen grooter is dan op vaste banken. Telkens wanneer
+de slag geindigd is en 't lichaam vooruitgestrekt wordt, moet ook 't
+bankje naar voren gebracht worden. Dit laatste mag echter volstrekt niet
+met geweld gedaan worden. Door de voorwaartsche strekking van armen en
+lichaam wordt de stoot gegeven, waardoor 't bankje als 't ware van zelf
+naar voren glijdt. Daarmee willen wij niet zeggen, dat 't vooruitbrengen
+van 't lichaam met een schok moet geschieden, maar <i>eerst armen en
+bovenlijf, en <span class="pagenum" title="71">&nbsp;</span><a id="p_71"></a>dan volgt
+de <span xml:lang="en">sliding-seat</span> gemakkelijk en als van zelf</i>.
+Doet men dit niet op deze wijze, dan zullen de spieren, die langs het
+scheenbeen loopen, spoedig vermoeid worden, en de boot zal eene
+stootende beweging verkrijgen.</p>
+
+<p>Op 't oogenblik dat 't bankje naar voren is gebracht, moet ook 't
+lichaam voorover gestrekt zijn, en op datzelfde oogenblik wordt het blad
+weer in 't water gestoken en een nieuwe slag begonnen. Op de wijze,
+waarop men met de beenen de <span xml:lang="en">sliding-seat</span> naar achteren afzet, in verband
+met de achteroverstrekkende beweging van 't lichaam, komen wij later
+terug. Eerstbeginnenden is het vooral zaak op het hart te drukken, ook
+hierbij <i>geen rukken of stooten te geven, maar gelijkmatig en
+veerkrachtig alle bewegingen van 't roeien uit te voeren</i>.</p>
+
+<p>Wij gelooven dat het, om 't juist gebruik van de sliding te leeren, den
+beginner aan te raden is om in 't eerst niet de geheele lengte ervan af
+te loopen, maar langzamerhand telkens een grooter stuk ervan te
+gebruiken.</p>
+
+<hr class="tb" />
+
+<p>Wij behoeven bijna niet te zeggen, dat het van 't grootste gewicht is,
+dat de leden van een ploeg <i>goed maat houden</i>, dat zij allen op 't
+zelfde oogenblik hun riem in 't water steken en kracht zetten, en ook
+op 't zelfde tijdstip hem er weer uit lichten en beginnen te scheren.
+Wordt dit niet gedaan, dan zal 't totaal <span class="pagenum" title="72">&nbsp;</span><a id="p_72"></a>van de uitgeoefende kracht
+versnipperd worden, en de boot nu eens naar bakboord- dan weer
+naar stuurboordzijde overgetrokken worden, terwijl bovendien eene
+schommelende beweging van de boot, 't gevolg van ongelijk roeien, niet
+alleen lastig is voor de roeiers, maar ook eene wrijving veroorzaakt met
+'t water, die den gang van de boot tegenhoudt.</p>
+
+<hr class="tb" />
+
+<p>In dit hoofdstuk hebben wij gesproken van het &bdquo;<i>snoek vangen</i>.&ldquo; Dit
+gebeurt f wanneer men den riem na 't eindigen van den slag niet tijdig
+uit 't water kan lichten, f wanneer men bij 't scheren, in plaats van
+'t blad over de oppervlakte van 't water te laten gaan, het ontijdig in
+zijne platgedraaide houding weer in 't water doet vliegen. Het eerste
+geval komt voor, wanneer de riem niet verticaal, maar scheef in 't water
+wordt gestoken, zoodat hij in de diepte verdwijnt; of wanneer men 't
+blad platdraait, vrdat het uit 't water is gelicht. In beide gevallen
+zal de boot een schok krijgen, en zoo de riem niet dadelijk uit de
+dollen wordt gelicht, zullen deze noodwendig moeten breken. Daarom,
+roeier, wanneer 't ongeluk van een snoek te vangen u overkomt, hef dan
+dadelijk 't handvat van den riem met beide handen op, zoodat hij uit
+de dollen gelicht wordt, en door den vaart over 't water langs den
+achtersteven van de boot komt te glijden. Dadelijk daarna wordt 't blad
+van den riem op 't water <span class="pagenum" title="73">&nbsp;</span><a id="p_73"></a>rustende met eenige kracht naar achteren
+geslingerd, en op deze wijze wordt het met leer bedekte gedeelte weer in
+de dollen gebracht.</p>
+
+<p>Na de beginselen van 't roeien leert men met de boot te manoevreeren.
+<ins class="corr" id="corr20" title="Bron: Plotsing">Plotseling</ins> kan zich iets voor den boeg opdoen, dat de stuurman
+eerst laat ontdekt; dan is 't zaak de boot dadelijk tot stilstand te
+brengen, ten einde eene botsing te voorkomen. Of men heeft zich in een
+nauw vaarwater begeven, waarin 't wenden onmogelijk is, en de weg wordt
+versperd. In het eerste geval moet men kunnen <i>stoppen</i>, in het tweede
+<i>strijken</i>.</p>
+
+<p>Het stoppen geschiedt aldus: met gestrekte armen en 't lichaam iets
+voorover gestrekt brenge men 't blad van den riem bijna horizontaal,
+maar met de holle zijde iets naar den boeg gericht, in 't water, en
+draaie dan langzamerhand den riem om, totdat de holle zijde geheel naar
+den voorsteven gekeerd is. Daarbij zorge men echter niet op het handvat
+van den riem te drukken, want daardoor wordt het boord naar beneden
+gedrukt.</p>
+
+<p>De bewegingen van het strijken zijn juist de tegenovergestelde van die
+van het ophalen of trekken. Achterover zittende brenge men den riem, met
+de holle zijde van 't blad naar den boeg gekeerd, in 't water, strekke
+de armen en bewege 't lichaam voorwaarts, zoodat het blad door 't water
+geduwd wordt; na 't einde van den slag drukke men den riem iets neer
+en draaie <span class="pagenum" title="74">&nbsp;</span><a id="p_74"></a>hem plat, schere het blad over 't water door 't lichaam
+achteruit te brengen en de handen tegen de borst te trekken, en <ins class="corr" id="corr21" title="Bron: begine">beginne</ins>
+een nieuwen slag. Ook deze beweging geschiedt gelijkmatig, terwijl
+slechts 't blad van den riem onder water mag gehouden worden. Bij 't
+wenden, wanneer het ne boord ophaalt en het andere strijkt, moeten ook
+de riemen gelijktijdig in 't water komen, en daarbij richten zich de
+strijkende roeiers naar de trekkende.</p>
+
+
+<h3> 3. <i>Nadere behandeling van sommige punten.</i></h3>
+
+<p>Wij stellen ons voor eenige momenten in de beweging van 't roeien
+uitvoeriger te bespreken, enkele, omdat daaraan veel gewicht moet
+gehecht worden, andere, omdat daarin de meeste fouten voorkomen, weer
+andere, omdat daaromtrent de meeningen zeer uiteenloopen.</p>
+
+<p>De correcte uitvoering van de bewegingen is drom niet alleen
+wenschelijk, omdat 't begaan van een fout ten gevolge heeft verspilling
+van krachten of verkeerde krachtsaanwending, maar ook omdat n fout
+gewoonlijk andere na zich sleept. Het scheef inzetten b.v. van het blad
+van den riem maakt niet alleen dat het eerste deel van den slag verloren
+gaat, maar bovendien wordt het lastiger den riem van uit de diepte weer
+uit 't water te lichten, en dit belemmert de snelle voortwaartsche
+beweging van 't <span class="pagenum" title="75">&nbsp;</span><a id="p_75"></a>lichaam; de roeier komt daardoor uit de maat, en om
+gelijk te blijven is hij genoodzaakt zijn lichaam minder voorover te
+strekken en dus zijn slag korter te maken.</p>
+
+<p>Indien het blad van den riem niet gedurende den geheelen slag onder
+water gehouden wordt, maar bij het einde half uit 't water gelicht, dan
+zal niet alleen de op de boot werkende voortstuwende kracht verminderd
+worden, maar bovendien door den minderen weerstand van 't water tegen
+het blad, de slag spoediger geindigd zijn dan bij de andere roeiers
+'t geval is, wanneer door allen dezelfde kracht wordt aangewend; zoo
+zal dus ook hier de maat verbroken zijn, en de voorwaartsche beweging
+langzamer moeten zijn om zich als 't ware te laten inhalen, en bij 't
+begin van den slag weer gelijk te zijn.</p>
+
+<p>Vooral zullen eene massa fouten voortkomen uit het verkeerd gebruik
+maken van de armen op het einde van den slag. Zooals men weet, moet op
+het einde van den slag, wanneer het lichaam zijne achterwaartsche
+beweging gemaakt heeft, de riem tot de borst worden doorgetrokken. Dit
+geschiedt natuurlijk door de buiging der armen, maar daarom volstrekt
+nog niet <i>door de samentrekking van den biceps</i>. Integendeel, de biceps
+blijft nagenoeg werkeloos, en de beweging wordt uitgevoerd door de
+spieren, die de schouderbladen verbinden met den bovenarm, en de
+spieren, die aan de achterzijde van den bovenarm <span class="pagenum" title="76">&nbsp;</span><a id="p_76"></a>liggen. Om zich een
+denkbeeld te vormen van de werking dier spieren, stelle men zich voor
+dat men met den elleboog een voorwerp achterwaarts duwt door den
+bovenarm iets voorbij 't lichaam naar achteren te brengen, of dat men
+een achter zich staanden persoon met den elleboog een stomp geeft.
+Dezelfde spieren, die dan in werking komen, gebruikt men ook bij het
+roeien, de bovenarmen worden aangehaald, totdat zij langs en evenwijdig
+met 't lichaam komen te hangen, de benedenarmen dienen hierbij slechts
+als eene verbinding van den riem met de bovenarmen; anders uitgedrukt,
+de hoek bij den elleboog wordt eenvoudig gemaakt door den bovenarm
+achterwaarts te trekken, niet door den benedenarm naar zich toe te
+halen, hetgeen door den biceps geschiedt. (Zie fig. 7).</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 247px;">
+<img src="images/ill_p076.png" width="247" height="297" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 7.</div>
+</div>
+
+<p>Buigt men de armen door de samentrekking van den biceps, dan moeten
+noodzakelijk de ellebogen <span class="pagenum" title="77">&nbsp;</span><a id="p_77"></a>zijwaarts opgeheven worden, want anders zou
+de riem naar den hals en dus veel te hoog opgetrokken worden. Brengt men
+daarentegen den riem naar 't lichaam door de werking van de spieren over
+de schouderbladen en aan den achterkant van den bovenarm, dan komen de
+armen langs het lichaam, met de ellebogen naar beneden gericht.</p>
+
+<p>Men behoeft dus niets anders te doen dan de armen langs het lichaam aan
+te trekken, om de aangewezen spieren te laten werken, en een krachtig
+einde van den slag te maken.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 264px;">
+<img src="images/ill_p077.png" width="264" height="276" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 8.</div>
+</div>
+
+<p>Doet men dit niet, trekt men door de kracht van den biceps den riem
+tot de borst, en houdt men bijgevolg de ellebogen zijwaarts opgeheven,
+zooals in fig. 8 is afgebeeld, dan zal 't einde van den slag niet alleen
+veel zwakker zijn, maar, en hiervan zijn wij uitgegaan, deze fout zal
+talrijke andere fouten na zich slepen.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="78">&nbsp;</span><a id="p_78"></a></p>
+
+<p>In de eerste plaats zal de borst ingedrukt en de rug gekromd worden op
+'t einde van den slag, juist op 't oogenblik dat de borst 't meest moet
+gewelfd worden. Men kan zich hiervan gemakkelijk overtuigen door een
+niet al te zwakken armstrong te nemen, dien met het ne einde ergens
+aan te bevestigen, en met beide handen aan het andere einde den
+armstrong uit te rekken door de armen, met de ellebogen zijwaarts
+opgeheven, te buigen. Men zal dan duidelijk kunnen bemerken dat de borst
+eene sterke neiging heeft zich in te trekken. Voert men echter dezelfde
+beweging uit met omlaag gehouden ellebogen, dan zal de borst zich
+gemakkelijk en als van zelf opheffen.</p>
+
+<p>Een tweede gevolg van de aangewezen fout is eene langzame en aarzelende
+strekking van de armen na 't uit 't water halen van den riem. Wanneer
+de armen zijwaarts worden gebogen, dan vormen zij bij den elleboog een
+scherper hoek, dan wanneer ze langs het lijf worden aangetrokken; en
+hoe meer de armen zijn gebogen, hoe scherper hoek zij dus maken, des
+te moeilijker wordt ook de strekkende beweging. Deze zal dus langzamer
+zijn, en om den verloren tijd in te halen moet de voorwaartsche beweging
+in 't volgend oogenblik en op 't einde sneller zijn, waardoor schokken
+gegeven worden en de beweging de vereischte gelijkmatigheid en
+veerkracht verliest; of, en dit is even verkeerd, de armen worden niet
+<span class="pagenum" title="79">&nbsp;</span><a id="p_79"></a>in ns gestrekt, en daarna eerst 't lichaam voorover gebracht, maar
+beide bewegingen beginnen gelijktijdig, zoodat het lichaam zich over
+den riem heenbuigt; wij hebben boven aangeduid, waarom dit verkeerd is.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Eene andere fout die op 't einde van den slag bedreven wordt en zeer
+veel voorkomt, is <i>dat de roeier het lichaam tegen den riem optrekt</i>, in
+plaats van den riem tot de borst door te halen. Dat hierdoor de slag
+aanmerkelijk korter wordt, springt in het oog, maar toch zal degene, die
+die fout begaat, dit zelf niet zoo spoedig inzien. Hij vormt zich de
+illusie een even langen slag te maken als de anderen, daar hij toch even
+ver zijn lichaam vooruitstrekt en achteroverzwaait als dezen, en
+verwondert zich dan, dat hij eerder &bdquo;klaar&ldquo; is, maar bedenkt niet, dat
+hij wel zijn lichaam evenver achterover zwaait, maar vrdat de slag nog
+geindigd is, reeds weer aan den riem optrekt.</p>
+
+<p>Deze fout is gewoonlijk een gevolg van overhaasting, of, om 't zoo uit
+te drukken, van de begeerte om zoo spoedig mogelijk weer een nieuwen
+slag te beginnen.</p>
+
+<p>Een ander gevolg van die overhaasting is te groote inspanning van de
+beenspieren, voornamelijk die naast het scheenbeen loopen, bij 't naar
+voren komen. Hierboven is aangewezen in welke volgorde de bewegingen van
+armen, bovenlijf en beenen moeten <span class="pagenum" title="80">&nbsp;</span><a id="p_80"></a>uitgevoerd worden. Natuurlijk worden
+ze niet elk afzonderlijk uitgevoerd, ze vloeien in elkaar, maar de ne
+moet vr de andere <i>begonnen</i> worden. Hij die 't eerst of gelijktijdig
+met de voorwaartsche beweging van 't bovenlijf zijne beenen aantrekt,
+loopt kans deze laatste te overspannen.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Wij gaan nu over tot 't belangrijkste moment in de beweging van 't
+roeien, tot 't <i>begin van den slag</i>. Het is best mogelijk dat iemand al
+de opgenoemde vereischten voor een goeden stijl in zich vereenigt, dat
+hij eene goede houding heeft, zijn riem op de juiste hoogte in 't water
+houdt, de voorwaartsche beweging van 't lichaam correct uitvoert, en dat
+hij toch als roeier weinig beteekent, omdat hij in 't begin van den slag
+geen kracht zet, en, om zoo te zeggen, den riem een eind door 't water
+laat drijven, vrdat hij er aan begint te trekken. Hij heeft de
+hoedanigheid verkregen om zijne krachten op de meest spaarzame wijze te
+gebruiken, en zoo weinig mogelijk te verspillen, maar hij wendt ze niet
+op het juiste oogenblik aan.</p>
+
+<p>Het is daarom van het hoogste gewicht dat men al dadelijk leert op
+hetzelfde oogenblik, dat 't blad in het water komt, zijne volle kracht
+aan den riem te brengen. Men moet doen, alsof, zoodra 't blad in 't
+water komt, 't bankje van onder zich verdwijnt, en de eenige steunpunten
+voor 't lichaam zijn <span class="pagenum" title="81">&nbsp;</span><a id="p_81"></a>'t spoorplankje en 't handvat van den riem, aan
+welk laatste men blijft hangen. Die juiste en bliksemsnelle
+krachtsaanwending wordt door de Engelschen van zveel gewicht geacht,
+dat zij legio termen hebben om het denkbeeld uit te drukken: &bdquo;<i xml:lang="en">Catch the
+water, do all the work at the beginning, lift at the <ins class="corr" id="corr22" title="Bron: beginniug">beginning</ins></i>&ldquo;, en
+nog verscheidene andere. Dus tegelijk dat de voorwaartsche beweging
+is geindigd, worden de handen iets opgelicht, zoodat de riem den
+vereischten steun in 't water heeft, en men hangt dan aan den riem en
+drukt de voeten stevig tegen den spoorplank.</p>
+
+<p>De reden waarom juist in 't begin van den slag de volle kracht gebruikt
+moet worden, is deze: na afloop van elken slag vermindert telkens de
+vaart van de boot, omdat elk licht vaartuig weinig vaart houdt zoodra de
+voortstuwende kracht opgehouden heeft te werken, en bovendien omdat door
+de voorwaartsche beweging van de lichamen of liever door de drukking van
+den riem op den strijkdol de gang gestremd wordt. Dus telkens wanneer
+men een slag begint, heeft de boot zijne minste vaart; op dat oogenblik
+heeft men den meesten &bdquo;vat&ldquo; op 't water. Brengt men eerst later zijne
+volle kracht in werking, dan is een sneller achterwaartsche beweging
+van 't lichaam noodig om een even krachtigen druk op 't water uit te
+oefenen.</p>
+
+<p>Daarom, maak gebruik van 't oogenblik waarop <span class="pagenum" title="82">&nbsp;</span><a id="p_82"></a>gij den meesten steun in
+'t water hebt, waarop gij door een betrekkelijk langzame beweging groote
+kracht kunt uitoefenen.</p>
+
+<p>Het vereischt eene ernstige oefening om op 't juiste oogenblik op ns
+zijne volle kracht aan te wenden, zonder toch een ruk te geven.</p>
+
+<p>Velerlei zijn daarom de fouten, die omtrent dit punt worden
+aangetroffen. Er zijn er, die, zooals wij reeds aanmerkten, eerst nadat
+de riem eenigen tijd in 't water is, hunne volle kracht gebruiken.</p>
+
+<p>Anderen beginnen den slag goed, verslappen echter spoedig en eindigen
+zwak.</p>
+
+<p>Weer anderen pakken 't water goed, rusten in 't midden van den slag wat
+uit, en geven aan 't eind nog een flinken ruk.</p>
+
+<p>Al deze manieren hebben 't groote gebrek dat zij geen volledig gebruik
+maken van den kostbaren tijd, dat de riem in 't water is, en de laatste
+methode nog bovendien dit, dat er rukken gegeven worden. Laat de roeier
+toch begrijpen dat door rukken geen resultaat verkregen wordt evenredig
+aan de krachtsinspanning. Bovenal zij hem op het hart gedrukt, om
+gelijkmatig den riem door 't water te halen, in 't begin van den slag
+reeds met volle kracht, maar zooveel mogelijk tot 't laatste toe die
+krachtsuitoefening voort te zetten.</p>
+
+<hr class="hr20" />
+
+<p><span class="pagenum" title="83">&nbsp;</span><a id="p_83"></a></p>
+
+<p><i>De wijze waarop de roeier van zijn <span xml:lang="en">sliding-seat</span> moet gebruik maken.</i></p>
+
+<p>Wij hebben reeds in de <a href="#p_69">vorige </a> aangewezen op welke wijze men na
+volbrachten slag 't handvat van den riem weer vooruit brengt om een
+nieuwen slag te beginnen, en daarbij als eene zaak van veel gewicht
+er op aangedrongen, dat de handen dadelijk en met vlugheid voor zich
+uitgeworpen worden, en eerst daarna de zwaai van 't lichaam en de
+voorwaartsche beweging van 't glijbankje moeten volgen, en wel in de
+volgorde waarin wij ze opnoemen om deze reden, dat het lichaam zoodra
+het den steun van den riem moet missen, zoo spoedig mogelijk van zijne
+achteroverliggende houding opgeheven moet worden, daar deze houding eene
+vrij groote inspanning van de buikspieren vordert.</p>
+
+<p>Maar nu de trek, de eigenlijke slag: hoe moeten daarbij de bewegingen
+van 't lichaam en van de <span xml:lang="en">sliding-seat</span> ten opzichte van elkander zijn?
+De armen kunnen wij hier buiten rekening laten, daar, zooals wij gezien
+hebben, deze eerst gebogen worden op 't einde van den slag, wanneer
+de overige deelen van 't lichaam hunne functin verricht hebben.</p>
+
+<p>We hebben dus alleen te maken met den zwaai van 't lichaam en met het
+strekken der beenen.</p>
+
+<p>Daar de spieren der beenen de sterkste zijn van 't lichaam, zal de
+roeier er allicht toe komen, om bij 't begin van den slag de beenen in
+ns en met <span class="pagenum" title="84">&nbsp;</span><a id="p_84"></a>kracht te strekken, terwijl 't bovenlijf voorover gebogen
+blijft, totdat 't bankje geheel naar achteren is gebracht, op welk
+oogenblik eerst de zwaai begint.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 622px;">
+<img src="images/ill_p084.png" width="622" height="187" alt="" />
+<div class="caption">Fig 9.</div>
+</div>
+
+<p>Deze manier heeft deze twee fouten:</p>
+
+<p>1. Wordt gedurende een groot deel van den slag 't lichaam in
+voorovergestrekte houding gelaten, in welke de spieren van den rug
+met meer moeite den last zullen dragen dan wanneer 't lichaam wat
+achterover gestrekt was. Zelfs zal het dikwijls voorkomen, dat bij
+zulke plotselinge strekking der beenen, 't bovenlijf niet in staat is
+te volgen, maar als 't ware achterblijft, dat tengevolge daarvan de
+schouders naar voren komen en de rug gekromd wordt, dat dus de geheele
+houding van den roeier bedorven wordt.</p>
+
+<p>2. Ook dan, wanneer de goede houding bewaard blijft, werkt de
+langdurige vooroverliggende positie de vrije ademhaling tegen.</p>
+
+<p><em class="g" xml:lang="de">Victor Silberer</em> in zijn &bdquo;<i xml:lang="de">Handbuch des Rudersport</i>&ldquo; is daarom eene
+andere methode toegedaan: &bdquo;eerst het bovenlijf achterover zwaaien, en
+dan eerst de <span class="pagenum" title="85">&nbsp;</span><a id="p_85"></a>beenen strekken.&ldquo; Dus de beenen worden gedurende het
+eerste gedeelte van den slag in dezelfde stelling gehouden, de
+<ins class="corr" id="corr23" title="Bron: slidingseat" xml:lang="en">sliding-seat</ins> blijft op dezelfde plaats totdat het
+lichaam achterover gezwaaid is, waarna eerst de beenen gestrekt worden.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 630px;">
+<img src="images/ill_p085.png" width="630" height="191" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 10.</div>
+</div>
+
+<p>Ook deze methode heeft, naar onze meening hare gebreken, waardoor zij
+niet aanbevelenswaardig wordt.</p>
+
+<p>1. Zal de &bdquo;<span xml:lang="en">catch</span>,&ldquo; 't begin van den slag, bij deze methode, niet z
+flink, niet z krachtig zijn als 't behoort. Met opgetrokken, sterk
+gebogen beenen kunnen de spieren van den rug niet zoo krachtig werken
+als na eenige strekking. En in die onnatuurlijke houding met opgetrokken
+knien wil men hebben, niet alleen dat 't lichaam gedurende eenigen tijd
+blijft, maar ook dat bovenlijf zijne geheele functie zal verrichten,
+totdat het zijne uiterste achteroverhangende stelling heeft ingenomen.</p>
+
+<p>2. Doet zich dit bezwaar voor, dat de beenspieren, de sterkste van het
+lichaam, gedurende een kort gedeelte van den slag, en nog wel op 't
+einde, wanneer de boot reeds weer vaart heeft, het bankje <span class="pagenum" title="86">&nbsp;</span><a id="p_86"></a>met snelheid
+achteruit stooten, hetgeen allicht de boot doet schokken.</p>
+
+<p>Bij de eerste methode bestond dit bezwaar niet, daar in 't begin van den
+slag de riem den grootsten weerstand ondervindt, en dus, hoe energiek de
+beenen ook werken, het bankje niet met z groote snelheid achteruit
+geschoven kan worden.</p>
+
+<p>Beide genoemde stelsels zijn uitersten; naar onze meening moet er eene
+transactie gesloten worden om de ware methode te verkrijgen.</p>
+
+<p>Zoodra de slag wordt aangevangen, strekken zich de beenen niet in ns,
+noch zwaait 't bovenlijf achterover terwijl de knien opgetrokken
+blijven, maar beide bewegingen geschieden gelijktijdig: het bankje wordt
+langzamerhand achteruit geduwd, terwijl het lichaam zijn
+achterwaartschen zwaai maakt.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 602px;">
+<img src="images/ill_p086.png" width="602" height="188" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 11.</div>
+</div>
+
+<p>In dit stelsel wordt het lichaam niet gedwongen gedurende een groot
+deel van den slag in onnatuurlijke houding te blijven, daar door eene
+kleine strekking van de beenen de rugspieren al dadelijk gemakkelijker
+kunnen werken, de sterke beenspieren <span class="pagenum" title="87">&nbsp;</span><a id="p_87"></a>werken mede tot een krachtig
+begin van den slag, terwijl aan den anderen kant ook eene langdurige
+voorovergestrekte houding van het bovenlijf vermeden is. Ook wordt de
+gelijkmatigheid, waarmee de riem door 't water gehaald wordt, door deze
+methode zeer bevorderd.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Een andere kwestie van belang, waarover de meeningen nog al
+uiteenloopen, is <i>de mate van snelheid waarmee de riem naar voren
+gebracht moet worden na 't eindigen van elken slag</i>.</p>
+
+<p>Het beginsel waarvan men uitgaat, is om zoo weinig mogelijk tijd te
+verliezen. Elk overtollig oogenblik dat de riem boven water doorbrengt
+na elken slag, heeft ten gevolge tijdverlies, en maakt dus den tijd
+waarin de baan afgelegd wordt langer. Vandaar dan ook, dat de riem geen
+oogenblik stil mag zijn, noch na 't einde van den slag, wanneer hij uit
+'t water gehaald is, noch vr 't begin van den slag na zijne vlucht
+over 't water. Wanneer de riem slechts
+<span class="fraction"><span class="above">1</span>/<span class="below">10</span></span>
+seconde stil ligt b.v. na 't einde van elken slag, dan blijft hij in n minuut, wanneer 40 slagen in
+de minuut gemaakt worden, reeds 4 seconden werkeloos. Zoo krijgt men een
+denkbeeld van 't kolossale tijdverlies, dat op de geheele baan wordt
+geleden.</p>
+
+<p>Dus in geen geval stilstand van den riem. Maar <span class="pagenum" title="88">&nbsp;</span><a id="p_88"></a>nu welke mate van
+snelheid? Wanneer men alleen rekening hield met het zooeven genoemd
+beginsel, dan zou het wenschelijk zijn om <i>zoo snel mogelijk</i> naar voren
+te komen, omdat men dan zoo weinig mogelijk tijd verliest.</p>
+
+<p>Er zijn echter ook andere factoren van de snelheid van de boot, waarmee
+men rekening moet houden.</p>
+
+<p>1. Zooals wij reeds ter andere plaatse hebben gezegd, verliest de boot
+na 't einde van elken slag door de voorwaartsche beweging van 't lichaam
+telkens een deel van hare snelheid. Hoe sneller nu de voorwaartsche
+beweging van 't lichaam is, hoe grooter de kracht waarmee de gang van de
+boot gestremd wordt.</p>
+
+<p>2. Vordert 't naar voren brengen van 't lichaam eene groote inspanning
+vooral van de buikspieren. Wordt nu deze beweging zoo snel mogelijk
+gemaakt, dan worden genoemde spieren overmatig ingespannen, en daardoor
+de energie, de veerkracht van 't lichaam uitgeput, want men moet wel
+bedenken dat te groote inspanning van sommige spieren terugwerkt op alle
+deelen van 't lichaam.</p>
+
+<p>Zoo moet dus ook alweer hier een middenweg hem trachten te vinden
+door de praktijk, waarbij men zich zal kunnen laten leiden door twee
+hoofdbeginselen van het roeien: 1. Nooit mag de beweging met schokken
+geschieden, 2. Geen deel van 't <span class="pagenum" title="89">&nbsp;</span><a id="p_89"></a>lichaam mag bovenmatig en buiten
+evenredigheid met de andere deelen ingespannen worden.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Wanneer iemand begint te leeren roeien, zal de gedurige aanmaning van
+zijn leermeester zijn: &bdquo;<i>flink naar voren komen en goed naar achteren
+vallen!</i>&ldquo; Hoewel wij deze methode van leeren geenszins afkeuren, omdat
+de leerling steeds eene sterke neiging gevoelt om rechtop te blijven
+zitten, en slechts met de armen te werken, zoodat hij vroegtijdig moet
+gedwongen worden zijn bovenlijf te gebruiken, zoo zal men toch in de
+meeste gevallen zien dat hij na deze aanmaning in zijn ijver veel te ver
+achterover zwaait, en soms ook de voorover strekkende beweging
+overdrijft.</p>
+
+<p><i>Tot hoever moet hij nu deze bewegingen uitstrekken?</i></p>
+
+<p>In eene boot met vaste dollen zal de voorwaartsche strekking van het
+lichaam van zelf hare grens vinden in het gevaar dat de riem tusschen de
+dollen bekneld raakt. Men zorge dan steeds zoover naar voren te komen
+als maar mogelijk is, zonder in 't begin van den slag met den voorkant
+van den riem tegen den strijkdol aan te komen. Het is echter ook
+mogelijk, dat in eene boot de dollen te ver van elkaar verwijderd zijn;
+in dit geval en wanneer er draaiende gekozen worden, eene verzoening
+gezocht tusschen twee tegenstrijdige beginsels. In theorie is het
+moeilijk te zeggen, welke die middenweg is. Men moet <span class="pagenum" title="90">&nbsp;</span><a id="p_90"></a>zich wachten voor
+overdrijving van de voorwaartsche beweging. De strekking mag niet
+ontaarden in eene vooroverbuiging, zoodat de rug gekromd, de schouders
+vooruitgebracht, de borst bekneld wordt. Wij hebben het reeds meer
+gezegd, men moet zijn lichaam geen geweld aandoen. Het voordeel van een
+langeren slag weegt dan niet op tegen de groote inspanning om in die
+houding den riem met kracht door 't water te halen.</p>
+
+<p>Ook het achterovervallen mag niet reiken over een zeker punt, van waar
+de roeier zich weer gemakkelijk kan oprichten. Gaat men verder, dan
+zal de lengte van den slag daardoor winnen, maar het hieruit verkregen
+voordeel ook alweer niet in evenredigheid zijn met de vermeerdering van
+inspanning der buik- en lendespieren, die het lichaam weer moeten
+opheffen.</p>
+
+<p>Vaste regels zijn hier echter niet voor te geven; sommige roeiers zullen
+meer naar voren komen, anderen meer achterover vallen, weer anderen
+beide bewegingen in meerdere mate uitvoeren. Dit hangt dan grootendeels
+af van de gewoonte en van de oefening, waardoor zich sommige spieren
+meer ontwikkelen dan andere. Maar in elk geval wake men tegen
+overdrijving.</p>
+
+<p>In nauw verband met het juist gezegde staat <i>het aantal slagen</i> door
+eene ploeg in de minuut gemaakt.</p>
+
+<p>Dikwijls ziet men op wedstrijden of ook wel wanneer als oefening op tijd
+wordt geroeid, de toeschouwers <span class="pagenum" title="91">&nbsp;</span><a id="p_91"></a>angstvallig letten op het aantal slagen
+in de minuut, en dan hoort men ook veelal uit het grootere of kleinere
+aantal conclusies maken ten nadeele of ten gunste van de ploeg.</p>
+
+<p>Meestal zijn die conclusies geheel ongemotiveerd; men kan in 't algemeen
+uit het aantal slagen geen gevolgtrekking maken over de kwaliteit van
+den roeier. Natuurlijk moet een zoogenaamde &bdquo;<i>ratelslag</i>&ldquo; evenals een
+luie &bdquo;<i>zeurslag</i>&ldquo; geen hoogen dunk geven van den roeier; dit ligt aan
+een gebrek in den stijl, hetzij aan overhaasting, hetzij aan
+langzaamheid, gemis aan veerkracht in de bewegingen. Maar het is zeer
+goed mogelijk dat eene bepaalde ploeg in eene zekere boot met 36 slagen
+in de minuut sneller roeit, dan met 38 slagen, als ook andersom.</p>
+
+<p>Daarom is het zoo verkeerd, dat een trainer vooraf bepaalt met hoeveel
+slagen zijne ploeg moet roeien, en aanmerking maakt, wanneer ze een
+kalmer, langer slag aanneemt. Dit kan hij eerst beoordeelen, wanneer hij
+zijne ploeg goed kent, en zelfs door proeven eene zekere ondervinding
+omtrent haar heeft opgedaan.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Wij laten hier nog volgen eenige regels voorgeschreven door den
+schrijver van &bdquo;<i xml:lang="en">The principles of Rowing and Steering</i>&ldquo;, en eenige door
+hem aangewezen meest voorkomende fouten.</p>
+
+<p xml:lang="en">&bdquo;The requisites for a perfect stroke are:</p>
+
+<p xml:lang="en">1. Taking the whole reach forward, and falling <span class="pagenum" title="92">&nbsp;</span><a id="p_92"></a>back gradually a little
+past the perpendicular, preserving the shoulders throughout square, and
+the chest developed at the end.</p>
+
+<p xml:lang="en">2<ins class="corr" id="corr24" title="Bron: ,">.</ins> Catching the water and beginning the stroke with a full
+tension on the arms at the instant of contact.</p>
+
+<p xml:lang="en">3. A horizontal and dashing pull through the water immediately the
+blade is covered, without deepening in the space subsequently traversed.</p>
+
+<p xml:lang="en">4. Rapid recovery after feathering by an elastic motion of the body
+from the hips, the arms being thrown forward perfectly straight,
+simultaneously with the body, and the forward motion of each ceasing at
+the same time.<a id="FNa_3" href="#FN_3" class="fnanchor"><sup>3</sup>)</a></p>
+
+<p xml:lang="en">5. Lastly, equability in all the actions, preserving full strength
+without harsh, jerking, isolated, and uncompensated movements in any
+single part of the frame.</p>
+
+<p xml:lang="en">Faults in rowing.&mdash;The above laws are sinned against when the rower</p>
+
+<p xml:lang="en">1. Does not straighten both arms before him.</p>
+
+<p xml:lang="en">2. Catches the water with unstraightened arms or arm, and a slackened
+tension as its consequence; thus time may be kept, but not stroke;
+keeping stroke always implying uniformity of work.</p>
+
+<p xml:lang="en">3. Rows round and deep in the middle, with hands high and blade still
+sunken after the first contact.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="93">&nbsp;</span><a id="p_93"></a></p>
+
+<p xml:lang="en">4. Keeps one shoulder higher than the other.</p>
+
+<p xml:lang="en">5. Doubles forward and bends over the oar at the feather, bringing the
+body up to the handle and not the handle up to the body.</p>
+
+<p xml:lang="en">6. Strikes the water at an obtuse angle, or rows the first part in the
+air.</p>
+
+<p xml:lang="en">7. Shivers out the feather, commencing it too soon and bringing the
+blade into a plane with the water while work may yet be done; thus the
+oar may leave the water in perfect time, but stroke is not kept. This
+and N<sup>o</sup>. 2 are the most subtle faults in rowing, and involve the
+science of shirking.</p>
+
+<p xml:lang="en">8. Rolls backward, with an inclination towards the inside or outside of
+the boat.</p>
+
+<p xml:lang="en">9. Turns his elbows at the feather instead of bringing them sharp past
+the flanks.</p>
+
+<p xml:lang="en">10. Throws up water instead of turning it well aft off the lower angle
+of the blade. A wave thus created is extremely annoying to the oar
+further aft; there should be no wave travelling astern, but an eddy
+containing two small circling swirls.&ldquo;</p>
+
+<hr class="fnsep" />
+
+<div class="footnote"><p><a id="FN_3" href="#FNa_3" class="label"><sup>3</sup>)</a> Wij
+hebben hierboven in dit hoofdstuk eene andere meening verdedigd.</p>
+</div>
+
+<h3> 4. <i>Het scullen.</i></h3>
+
+<p>Men zorge er voor, alvorens in eene <span xml:lang="en">sculling</span>boot plaats te nemen,
+het roeien met n riem in den grond te kennen. En dan nog is het den
+beginner geraden in eene zware boot met vaste banken te <span class="pagenum" title="94">&nbsp;</span><a id="p_94"></a>beginnen, daar
+men in eene lichte raceboot reeds aan het bewaren van het evenwicht
+zoozeer zijn aandacht moet wijden, dat de beweging zelve er door op den
+achtergrond zou geraken.</p>
+
+<p>Het is ook wenschelijk dat het materiaal vooraf door een ervaren <span xml:lang="en">sculler</span>
+worde nagezien, want hetgeen bij het roeien in 't algemeen over 't
+aanleeren van fouten door slecht materiaal gezegd is (bv. verkeerde
+stand van de dollen, van het stootleer, enz.) geldt in nog grooter
+mate bij het scullen. Men lette hierbij vooral op de voldoende ruimte
+tusschen de dollen, want, daar de hefboom van een <span xml:lang="en">scull</span> korter is dan
+van een riem, is de hoek door een <span xml:lang="en">scull</span> met de dollen gevormd, ook
+scherper, waaruit volgt, dat de dollen verder van elkander moeten staan,
+zal de <span xml:lang="en">scull</span> niet er tusschen bekneld raken.</p>
+
+<p>De vereischten voor een goeden stijl in het scullen zijn dezelfde als
+bij het roeien met n riem. Door de hanteering van twee riemen wordt
+de beweging echter van zelf iets gewijzigd, want men wordt nu niet meer
+gedwongen met de eene hand verder te reiken dan met de andere, en zoo
+ook worden beide handen op 't einde van den slag even ver naar zich toe
+getrokken.</p>
+
+<p>Een punt van onderscheid maakt de lengte van den slag uit. In eene
+<span xml:lang="en">sculling</span>boot kan en moet de slag langer zijn dan in eene andere.</p>
+
+<p>Bij de voorwaartsche beweging reeds kan de <span xml:lang="en">sculler</span> <span class="pagenum" title="95">&nbsp;</span><a id="p_95"></a>iets verder reiken,
+daar hij zijne armen naar beide zijden voor zich uitspreidt, zoodat het
+lichaam recht voorover gestrekt kan blijven, terwijl de roeier, wil hij
+zich zoover mogelijk naar voren strekken, in dat geval genoodzaakt is
+zijn lichaam naar binnen te buigen en dan nog zijne armen niet recht
+voor de borst heeft.</p>
+
+<p>Maar het is vooral in de achterwaartsche zwaai dat de <span xml:lang="en">sculler</span> zijn slag
+veel langer kan maken.</p>
+
+<p>Zoo de roeier zich te veel achterover geeft, zal het einde van den slag
+zeer zwak zijn, want de hefboom van zijn riem wijst naar zijn borst, en
+moet dus naar den binnenkant van zijn lichaam getrokken worden. Want
+indien het binneneinde van den riem z lang was, dat het handvat naar
+zijne borst getrokken kon worden, ook al was hij evenmin achterover
+gezwaaid, dan zouden al weder zijne armen buiten de richting van het
+lichaam vallen op het oogenblik, dat de riem een rechten hoek met het
+boord vormt, juist op het punt waarop de uitwerking van de ingespannen
+kracht het grootst is. Bij den <span xml:lang="en">sculler</span> daarentegen snijden de rechts en
+links werkende krachten elkaar in het middenpunt der breedte van de
+boot, zoodat het lichaam steeds in de richting der kiel kan blijven
+werken, ook al is het nog zoo ver achterover gestrekt.</p>
+
+<p>Eene zaak van gewicht is nog deze:</p>
+
+<p>Bij het scullen is het nog meer noodig dan bij 't gewone roeien, dat
+de armen na het einde van <span class="pagenum" title="96">&nbsp;</span><a id="p_96"></a>den slag in eens gestrekt worden; de handen
+moeten bliksemsnel naar voren worden geworpen om eene aanraking met de
+knien te voorkomen; voor deze aanraking bestaat nl. bij het scullen
+meer gevaar, daar de handen, niet op gelijke hoogte, maar de een boven
+de andere over de knien worden gebracht.</p>
+
+<p>Deze beweging, juist uitgevoerd, zal de schouders terugbuigen en de
+vrije ademhaling bevorderen.</p>
+
+<p><em class="g" xml:lang="en">Walter Bradford Woodgate</em> geeft nog eene andere afwijking aan van de
+regels gegeven voor 't gewone roeien.</p>
+
+<p>Hij zegt nl. dat een <span xml:lang="en">sculler</span> op 't einde van den slag niet de <span xml:lang="en">sculls</span>
+naar zijn lichaam moet trekken, maar 't lichaam aan de <span xml:lang="en">sculls</span> optrekken,
+dus juist iets doen wat bij 't roeien met n riem streng verboden is.</p>
+
+<p>Als redenen voor deze afwijking worden opgegeven de volgende argumenten:</p>
+
+<p>1. Bij het scullen wordt een langer slag gemaakt, het bovenlijf wordt
+verder achterover gezwaaid, zoodat een extra kracht noodig is om het
+weer op te heffen. De buik- en lendespieren zullen dus overmatig worden
+ingespannen, zoo zij niet ondersteund worden, doordat 't lichaam aan de
+riemen wordt opgetrokken.</p>
+
+<p>2. Het gewicht van het bovenlijf wordt, zoodra de <span xml:lang="en">sculls</span> 't water
+verlaten hebben, op de lendenen overgebracht. Is nu het lichaam op dat
+oogenblik ver achterover gestrekt, dan zal het gewicht rusten op het
+voorste gedeelte van de boot, waardoor de <span class="pagenum" title="97">&nbsp;</span><a id="p_97"></a>boeg &bdquo;<i>dompt</i>,&ldquo; 't geen de
+vaart vermindert. Trekt men echter 't lichaam aan de riemen op, dan zal
+het gewicht eerst op de boot drukken wanneer 't lichaam weer een eind
+voorwaarts is opgeheven, en dus niet meer zoover achterover ligt, zoodat
+het gewicht niet zoover vr in de boot komt.</p>
+
+<p>Niettegenstaande onze achting voor de kundigheden van den bekenden
+engelschen schrijver over de theorie van 't roeien, kunnen wij ons toch
+geenszins vereenigen met de door hem voorgestane meening.</p>
+
+<p>Onzes inziens is zijn betoog niets anders dan eene cirkelredeneering.</p>
+
+<p>Zij komt hierop neer: de <span xml:lang="en">sculler</span> moet verder achterover zwaaien dan de
+roeier aan n riem; hieruit zullen twee gevolgen voortkomen:</p>
+
+<p>1. Wordt grooter krachtsinspanning vereischt om 't lichaam weer naar
+voren te zwaaien, 2. 't gewicht wordt na 't einde van den slag, zoodra
+de riemen uit 't water gelicht worden, meer naar 't voorste gedeelte van
+de boot verplaatst, waardoor de boeg zal dompen.</p>
+
+<p>Om nu deze beide nadeelige gevolgen te voorkomen, moet dienen de
+aanbevolen beweging, waarbij 't lichaam door de kracht van de armen aan
+de riemen wordt opgeheven, want zoo zal men de voorwaartsche zwaai
+vergemakkelijken, en dus krachten besparen, en tevens 't dompen der boot
+voorkomen.</p>
+
+<p>Volkomen waar; maar men vergeet dan, dat dit <span class="pagenum" title="98">&nbsp;</span><a id="p_98"></a>alles geschiedt ten
+koste van de lengte van den slag, want stel dat de <span xml:lang="en">sculler</span> zijn
+achterwaartsche zwaai maakt totdat zijn lichaam den stand heeft van
+<i>a&nbsp;c</i> op hierbovenstaand figuur, maar hij trekt zich op 't einde van den
+slag aan de riemen op, z dat op 't oogenblik dat zijne handen bij
+zijne borst komen, 't lichaam den stand <i>a&nbsp;b</i> heeft, dan wordt de slag
+niet doorgetrokken tot punt <i>e</i>, maar tot punt <i>d</i>.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 273px;">
+<img src="images/ill_p098.png" width="273" height="188" alt="" />
+<div class="caption">Fig. 12.</div>
+</div>
+
+<p>En waartoe dient nu de achterwaartsche zwaai tot <i>a&nbsp;c</i>, wanneer
+de slag er toch niet langer door wordt, dan wanneer de zwaai gegaan was tot
+<i>a&nbsp;b</i>? Immers nergens voor; want, hetzij men zich achterover geeft tot
+<i>a&nbsp;c</i>, maar zich weer optrekt tot <i>a&nbsp;b</i>, hetzij men eenvoudig slechts tot
+<i>a&nbsp;b</i> achterover zwaait, in beide gevallen zal 't gewicht even ver naar
+voren in de boot verplaatst worden, en ook zullen in beide gevallen de
+buik- en lendespieren de voorwaartsche beweging moeten volbrengen van af
+<i>a&nbsp;b</i>.</p>
+
+<p>De redeneering van <em class="g" xml:lang="en">Woodgate</em> loopt dus in dezen cirkel:</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="99">&nbsp;</span><a id="p_99"></a></p>
+
+<p>De slag moet langer gemaakt worden van <i>d</i> tot <i>e</i>, maar om de daaruit
+voortvloeiende nadeelen te niet te doen, geeft hij middelen aan de hand
+waardoor de slag weer ingekort wordt tot <i>d</i>.</p>
+
+<p>Is het dan niet eenvoudiger en drom beter, omdat de verdere zwaai
+achterover bespaard wordt, om slechts tot <i>a&nbsp;b</i> achterover te vallen?</p>
+
+<p>Onze conclusie is dus deze: men moet zver het lichaam achterover
+zwaaien, dat de voordeelen van de meerdere lengte van den slag de
+nadeelen daaruit voortvloeiende nog overtreffen, en niet aan de nadeelen
+trachten te ontkomen door middelen die den slag feitelijk korter maken;
+want dit is met een omweg naar 't doel streven.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Er doen zich bij het scullen nog eenige eigenaardige moeilijkheden voor,
+waarmede beginners soms zwaar te kampen hebben.</p>
+
+<p>1. De <span xml:lang="en">sculls</span> loopen over een afstand van 5 6 cM. over elkaar heen,
+waardoor het in 't begin moeilijk is het tegen elkaar stooten der handen
+te vermijden. De eene hand moet dus hooger dan de andere gehouden
+worden; het is geheel onverschillig welke hand men boven, welke onderaan
+houdt. Maar men werpe ze toch tegelijk naar voren, zoodat de <span xml:lang="en">sculls</span>
+tegelijk in 't water komen, en het ook tegelijk weer verlaten.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="100">&nbsp;</span><a id="p_100"></a></p>
+
+<p>Om het afglijden der handen te verhinderen, legge men het bovenlid van
+den duim tegen het uiteinde van de <span xml:lang="en">scull</span> aan.</p>
+
+<p>2. Door de geringe breedte zal de boot spoedig aan 't &bdquo;<i>rollen</i>&ldquo; gaan,
+en de <span xml:lang="en">sculler</span> zal dit trachten te verhinderen door bij het scheren de
+bladen der <span xml:lang="en">sculls</span> over 't water te laten gaan. Dit nu is verkeerd. Bij
+'t einde van den slag moet hij de <span xml:lang="en">sculls</span> flink uit het water lichten en
+ze naar achteren brengen zonder de oppervlakte van 't water te raken.</p>
+
+<p>Dit is echter niet gemakkelijk, en eerst na oefening zal men zijn
+evenwicht leeren bewaren.</p>
+
+<p>Dikwijls wordt in het handvat van de <span xml:lang="en">scull</span> een of twee ons lood gegoten
+om op het vereischte oogenblik gemakkelijker het blad uit het water te
+kunnen lichten en terug te brengen, zonder de oppervlakte van het water
+aan te raken.</p>
+
+<p>3. Eene kunst die de <span xml:lang="en">sculler</span> ook noodzakelijk moet leeren, is: zijn
+vaartuig <i>in den koers te houden</i>. In 't eerst zal hij daartoe telkens
+omzien, en zoodoende alras de handigheid verkrijgen om <i>alleen het
+hoofd</i> om te wenden, zonder daarbij met roeien op te houden. Op wateren
+waar weinig of geen scheepvaart is, zal men dikwijls kunnen volstaan met
+de oogen steeds op den achtersteven gericht te houden, nadat men dezen
+eenmaal in de gewenschte richting heeft gebracht. Elke afwijking zal
+terstond in het kielwater zichtbaar worden. Bovendien heeft het
+<span class="pagenum" title="101">&nbsp;</span><a id="p_101"></a>gadeslaan van den achtersteven dit voordeel in, dat de <span xml:lang="en">sculler</span> steeds
+'t werk zijner handen zal kunnen nagaan.</p>
+
+<p>De stuurtoestellen verlichten 't werk zeer, als het noodig is de boot
+weer in de vereischte richting te brengen, maar toch is het beter eerst
+eenigen tijd dit toestel <i>niet</i> te gebruiken. Het gemak, waarmee men
+door een lichten druk van den voet eene afwijking der boot herstelt,
+verleidt den <span xml:lang="en">sculler</span> allicht om de gelijkelijke arbeid der handen te
+veronachtzamen, en telkens zijn toevlucht te nemen tot 't stuurtoestel.
+Het roer nu vertraagt den gang der boot door den tegenstand van 't
+water. Hoe minder het dus gebruikt wordt, hoe beter.</p>
+
+<p>Zijn alle moeilijkheden overwonnen en heeft men zich een goeden stijl
+als <span xml:lang="en">sculler</span> eigen gemaakt, zoo kan men zich vleien met het bewustzijn
+een hoogen trap van volmaaktheid in de schoone roeikunst bereikt te
+hebben.</p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 71px;">
+<img src="images/deco5.png" width="71" height="47" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="102">&nbsp;</span><a id="p_102"></a></p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 463px;">
+<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<h2><a id="IV"></a>VIERDE HOOFDSTUK.</h2>
+
+<hr class="chbegin" />
+
+<p class="subh2">HET STUREN EN DE STUURMAN
+(<i xml:lang="en">coxswain</i>, <i xml:lang="fr">barreur</i>, <i xml:lang="de">Steuermann</i>).</p>
+
+<div><img class="cap" src="images/cap_e.png" width="73" height="116" alt="" /></div>
+
+<p class="drop">Evenals men den roeiliefhebber toeroept: &bdquo;leer zwemmen vrdat gij in de
+boot plaats neemt,&ldquo; raden wij den aanstaanden <i>stuurman</i> aan om te
+leeren roeien alvorens de stuurlijnen ter hand te nemen.</p>
+
+<p>Dikwijls komt het voor, dat iemand, door liefde tot de stuurmanskunst
+aangetrokken, lid eener roeivereeniging wordt en dan maar terstond als
+stuurman in eene boot plaats neemt zonder zich de moeite te willen
+getroosten eerst te leeren roeien; immers, aldus redeneert hij, roeien
+en sturen zijn geheel verschillende kunsten en hebben niets met elkaar
+gemeen.</p>
+
+<p>Wij behoeven zeker niet te zeggen, welke gevaren een ploeg, door zulk
+een stuurman gestuurd, bedreigen.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="103">&nbsp;</span><a id="p_103"></a></p>
+
+<p>Daar zit hij dan op den stuurbank in eene gedwongene houding, onbekend
+met de kommando's, bij elken slag met het bovenlijf naar voren
+slingerende, dan naar bakboord dan weer naar stuurboord glijdende, bij
+de minste afwijking van den boeg z hevig aan een der stuurlijnen
+trekkend, dat de boot plotseling veel te ver naar de andere zijde
+vliegt, en bij het minste gevaar aarzelend en gereed om de stuurlijnen
+te laten glippen.</p>
+
+<p>Neen, eerst leeren roeien en dan sturen zij ieder aangeraden.</p>
+
+<p>Een roeier zal, wanneer hij op den stuurbank plaats neemt, zijn
+bovenlijf recht gestrekt houden en zorgen dat de boot niet naar ne
+zijde overhelt, daar hij als roeier geleerd heeft hoe lastig dit voor de
+roeiers is. Hij zal een vast punt in de verte in het oog houden en
+daarop steeds aansturen, daar hij als roeier heeft ondervonden, hoe het
+zigzag sturen de roeiers afmat en den gang der boot vertraagt. Hij zal
+de stuurlijnen steeds gestrekt houden, daar hij hierdoor alleen de boot
+haren rechten koers zal kunnen doen behouden.</p>
+
+<p>Verder moet de stuurman zijne beenen als een Turk gekruist houden en de
+knien zoover mogelijk uitgespreid. Tevens zal hij zooveel mogelijk
+onbeweeglijk zitten en niet elke beweging der boot volgen; dat hij bij
+elken slag door de meegevende beweging van het bovenlijf de snelheid der
+boot zou <span class="pagenum" title="104">&nbsp;</span><a id="p_104"></a>bevorderen, is louter fictie; immers zal hij bij het einde van
+den slag dezelfde beweging weer achterwaarts moeten maken om zijne
+gewone positie te herkrijgen en dus daarbij ook de snelheid der boot
+weer verminderen. Het eenig gevolg van dat heen- en weerslingeren is
+dus, dat hij door onvast op den bank te zitten de roeiers in hunne taak
+zal hinderen en door onbedoelde rukken aan een der stuurlijnen den gang
+der boot kan belemmeren.</p>
+
+<p>Ieder stuurman behoort verder met de volgende regels bekend te zijn:</p>
+
+<p>1. eene boot, die stroomopwaarts gaat, moet aan den oever blijven en
+elke boot, die zij ontmoet, aan den binnenkant, d. w. z. in het midden
+van den stroom laten passeeren.</p>
+
+<p>2. eene stroomafwaarts varende boot houdt het midden van den stroom en
+laat eene haar ontmoetende boot aan den buitenkant voorbijgaan.</p>
+
+<p>3. eene boot, die eene andere boot inhaalt, moet voor deze uithalen om
+te passeeren, terwijl de ingehaalde boot ongestoord haren koers kan
+vervolgen.</p>
+
+<p>4. ontmoeten twee booten elkaar op niet stroomend water, zoo wijken
+beiden naar stuurboord uit en ieder laat dus de andere aan bakboord
+passeeren.</p>
+
+<p>5. eene boot met stuurman moet uitwijken voor eene boot, die zonder
+stuurman vaart.</p>
+
+<p>6. eene roeiboot moet steeds voor eene zeilboot uitwijken.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="105">&nbsp;</span><a id="p_105"></a></p>
+
+<p>7. een tweeriems moet voor een vierriems&mdash;een vierriems voor een
+zesriems&mdash;en deze weer voor een achtriems uitwijken.</p>
+
+<p>Dit over de plichten van den stuurman in het algemeen.</p>
+
+<p>Thans nog het een en ander over de taak, die hij op wedstrijden heeft te
+vervullen.</p>
+
+<p id="stuurmanskwestie">Raceroeiers noemen den stuurman wel eens een noodzakelijk kwaad, en
+vooral de Franschen en Belgen schijnen deze meening zeer te zijn
+toegedaan, waarom zij dit kwaad maar zoo klein mogelijk trachten te
+maken en met de kleinste exemplaren van het <span xml:lang="la">genus</span> &bdquo;stuurman&ldquo; op
+wedstrijden verschijnen. Gewoonlijk zijn het kinderen van 25 30 kilo,
+aan wie in die landen op wedstrijden het roer wordt toevertrouwd. Dat
+zulk een knaap slechts pro forma in de boot zit ingevolge het reglement,
+dat een wedstrijd voor &bdquo;booten <i>met</i> stuurman&ldquo; heeft uitgeschreven,
+spreekt van zelf, daar de slag in werkelijkheid het bevel voert en hem
+gedurende den ganschen kamp instructies moet geven.</p>
+
+<p>Het voordeel van dezen maatregel ligt voor de hand: de roeiers hebben
+minder ballast mee te trekken en de snelheid der boot kan daardoor
+grooter zijn.</p>
+
+<p>Doch ook de nadeelen, die uit die instelling voortvloeien, zijn niet
+gering te schatten.</p>
+
+<p>Zoo de wedstrijd op een water, dat zeer onstuimig is of waar vele
+vaartuigen de baan her- en derwaarts <span class="pagenum" title="106">&nbsp;</span><a id="p_106"></a>doorkruisen, plaats vindt, zullen
+kinderen al zeer slechte leiders zijn op dat moeilijke pad, en
+ongelukken zullen allicht voorkomen.</p>
+
+<p>Een goed stuurman kan door eene juiste kennis van den invloed van wind
+en stroom op den gang der boot zijn ploeg menigen omweg en veel
+krachtsinspanning besparen.</p>
+
+<p>Wanneer wij bedenken, hoevele wedstrijden met eene bootslengte of minder
+gewonnen zijn, dan is het duidelijk, dat een goed stuurman, die de boot
+iedere afwijking, hoe gering ook, bespaart, en van elken gunstigen
+toestand van wind of stroom <ins class="corr" id="corr25" title="Bron: onmiddelijk">onmiddellijk</ins> partij weet te trekken, in
+vele gevallen voor een groot deel tot de overwinning heeft bijgedragen.</p>
+
+<p>En hoe kan men dit van een kind eischen? Hoe kan men in een kind die
+tegenwoordigheid van geest, dien vasten wil, dat vlug begrip verlangen,
+die zoo noodzakelijk zijn tot het vormen van een racestuurman in den
+waren zin van het woord? Wij herinneren den lezer slechts aan de wijze,
+waarop door belgische ploegen op wedstrijden de boeien worden gemaakt,
+waarbij zij steeds een eind tegen nederlandsche ploegen verliezen.</p>
+
+<p>Ook zouden wij er op kunnen wijzen, hoe bespottelijk het is op
+wedstrijden in genoemde landen den slag voortdurend tegen zijn &bdquo;<span xml:lang="fr">petit
+barreur</span>&ldquo; te hooren schreeuwen en onophoudelijk te zien omkijken, in
+plaats van op het tempo zijner slagen en de <span class="pagenum" title="107">&nbsp;</span><a id="p_107"></a>conditie zijner mederoeiers
+te letten. Door dat geschreeuw n van den slag n van den stuurman, die
+zonder ophouden zijn &bdquo;<span xml:lang="fr">tirez donc</span>&ldquo; laat hooren, worden ook de ooren der
+toeschouwers op een allesbehalve welluidend concert vergast.</p>
+
+<p>Neen, in dat opzicht is het in Nederland beter.</p>
+
+<p>De gecombineerde vergadering van alle nederlandsche roeivereenigen, in
+1885 te Amsterdam gehouden, heeft besloten, dat op onze wedstrijden
+slechts stuurlieden worden toegelaten, die minstens 60 kilo wegen,
+zoodat hierdoor het kwaad voorkomen wordt, dat sedert jaren in Frankrijk
+en Belgi voortwoekert.</p>
+
+<p>Het is dus wel te verwachten, dat men binnenkort in Belgi ons voorbeeld
+volgen en een niet te laag minimum-gewicht voor den racestuurman zal
+vaststellen.</p>
+
+<p>Het is namelijk noodzakelijk, dat deze taak door iemand wordt
+waargenomen, die in staat is met vaste hand den koers der boot te
+bepalen, van elk voordeel partij te trekken, den roeiers op den
+wedstrijd moed kan inboezemen en hen, zoo zij verslappen, met nieuwe
+krachten weet te vervullen en tot de uiterste inspanning aan te sporen.</p>
+
+<p>En in dat geval, is de stuurmanskunst eene edele kunst en kan de
+stuurman met evenveel recht trotsch zijn op zijne behaalde medaille als
+de roeier op de zijne.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="108">&nbsp;</span><a id="p_108"></a></p>
+
+<p>Verkiest men echter zonder stuurman te roeien, zoo kieze men
+wedstrijden voor booten, die door een der roeiers worden gestuurd, doch
+trachte niet den edelen roeisport te verlagen door gehuurde kinderen in
+de boot te nemen en aldus een voordeel op zijne tegenpartij te erlangen.</p>
+
+<p>In vele landen is het roeien in booten, voorzien van een <i>stuurtoestel</i>,
+(<i xml:lang="en">steering-apparatus</i>), reeds doorgedrongen.</p>
+
+<p>Het is eene amerikaansche uitvinding, die het gemis van een stuurman
+mogelijk maakt door diens taak aan een der roeiers op te dragen. Op de
+spoorplank van een der roeiers namelijk is een toestel aangebracht, dat
+met de stuurlijnen in verband staat en den roeier in staat stelt de boot
+met zijne voeten naar rechts of links te wenden.</p>
+
+<p>Er zijn drie soorten van dit stuurtoestel, die allen, hoewel in
+hoofdzaak aan elkaar gelijk, in samenstelling een weinig verschillen.
+Het beste wordt vervaardigd door <em class="g" xml:lang="en">Searle &amp; Sons</em> te Londen.</p>
+
+<p>Het spreekt van zelf, dat het gebruik van dit toestel van den roeier
+groote vaardigheid vereischt, zoodat het in eene meerriemsboot
+gewoonlijk aan den bekwaamsten roeier wordt opgedragen.</p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 71px;">
+<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="109">&nbsp;</span><a id="p_109"></a></p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 463px;">
+<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<h2><a id="V"></a>VIJFDE HOOFDSTUK.</h2>
+
+<hr class="chbegin2" />
+
+<p class="latijn" xml:lang="la"><ins class="info"
+title="Als jongen heeft hij veel geleden en gedaan, hij heeft gezweet en heeft het koud gehad,
+hij heeft zich onthouden van liefde en wijn. (Horatius, Ars poetica 413)">Multatulit
+fecitque puer, sudavit et alsit, abstinuit venere et vino.</ins></p>
+
+<p class="subh2">DE TRAINING.</p>
+
+<div><img class="cap" src="images/cap_e.png" width="73" height="116" alt="" /></div>
+
+<p class="drop">Een enkel woord vooraf over de keuze der roeiers en over de
+samenstelling van eene ploeg is hier op zijne plaats. Dikwijls wordt
+bij de samenstelling van eene raceploeg meer gelet op physieke kracht
+dan op vaardigheid in 't roeien. Men gaat dan van 't denkbeeld uit,
+dat degenen, die men gekozen heeft om hunne sterke spieren, met eenige
+oefening zich een goeden stijl wel eigen zullen maken.</p>
+
+<p>Het is gemakkelijk aan te toonen dat deze wijze van handelen onjuist is,
+en wel om de eenvoudige reden dat de grondstelling waarvan men uitgaat,
+nl. <span class="pagenum" title="110">&nbsp;</span><a id="p_110"></a>dat ieder door oefening eene goede methode van roeien zich zal
+kunnen eigen maken, met de waarheid in strijd is. Er zijn er, die nooit
+leeren roeien, er zijn er ook, die slechts door langdurige oefening het
+tot op een zekere hoogte brengen.</p>
+
+<p>Daarom is het raadzaam in de 1<ins class="corr" id="corr26" title="Subscript in Bron."><sup>e</sup></ins> plaats te letten op den
+aanleg voor en de vaardigheid in 't roeien, en slechts in de 2<sup>e</sup>
+plaats in aanmerking te nemen de physieke kracht.</p>
+
+<p>Overigens is over de lichamelijke vereischten voor een roeier weinig te
+zeggen. Het spreekt van zelf dat goede longen en een normaal werkend
+hart onmisbaar zijn. Heeft men die niet, dan is zelfs eene proefneming
+om de vermoeienissen der training te doorstaan reeds gevaarlijk voor
+de gezondheid, terwijl de ploeg door het uittreden van een der leden
+gedupeerd is, daar men nu met een ander opnieuw zal moeten beginnen te
+oefenen.</p>
+
+<p>Twijfelt men daarom maar eenigszins aan de volkomene gezondheid van een
+der genoemde organen, dan doet men goed zich vooraf door een medicus te
+doen onderzoeken.</p>
+
+<p>Groote spierkracht, wij hebben het reeds gezegd, is geen
+hoofdvereischte. Tot bewijs van deze bewering beroepen wij ons op het
+feit dat zoovele groote roeiers van mindere lichaamskracht zich den baas
+hebben getoond van anderen, die over veel grooter physieke kracht konden
+beschikken. Een treffend voorbeeld <span class="pagenum" title="111">&nbsp;</span><a id="p_111"></a>is
+geweest <em class="g" xml:lang="en">Robert Coombes</em>, een man
+van zeer kleine gestalte en slechts 56 K.G. wegende, die in 1846 het
+Championnaat van Engeland won, en de eerste roeier van zijn tijd was. En
+nemen wij <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> zelf, welk verschil van lichaamskracht bestaat er niet
+tusschen hem en <em class="g" xml:lang="en">Trickett</em>, <em class="g" xml:lang="en">Laycock</em>,
+<em class="g" xml:lang="en">Ross</em> en andere reuzen, die allen voor
+hem 't onderspit moesten delven. En ook onder de eerste amateurs kennen
+wij immers roeiers die, ten opzichte van hun lichaamskracht, niet boven
+'t middelmatige gingen, b. v. <em class="g" xml:lang="en">Mr. Lowndes</em> van <span xml:lang="en">Oxford</span>, die eenige jaren
+het Championnaat van de <span xml:lang="en">Thames</span> wist te veroveren.</p>
+
+<p>Maar hiermede willen wij geenszins aantoonen dat groote spierkracht van
+geen nut is. Zeker zal, wanneer bij 2 roeiers alle voordeelen gelijk
+zijn, de grootere kracht bij den n de schaal naar zijn kant doen
+overhellen. Maar ze is niet van zooveel gewicht als men over 't algemeen
+gelooft, en in geen geval kan ze in de plaats komen van 't gemis aan
+eene goede methode van roeien. Men zorge echter bij de keuze van roeiers
+niet gedecideerd zwakke personen te nemen, daar het noodig is dat ze
+gedurende elken slag op zich zelf den riem gemakkelijk door 't water
+halen; anders kan men niet verwachten dat ze diezelfde beweging
+honderden malen zullen kunnen herhalen.</p>
+
+<p>Aangeboren taaiheid strekt tot aanbeveling.</p>
+
+<p>Ook geeft eene lange, slanke gestalte een voordeel <span class="pagenum" title="112">&nbsp;</span><a id="p_112"></a>bij het roeien,
+omdat men dan om een even grooten slag te maken als door iemand van
+korter, meer ineengedrongen lichaamsbouw wordt gemaakt, zijn lichaam
+minder voorover en achterover behoeft te strekken, en dus vanzelf
+gemakkelijker roeit.</p>
+
+<p>Na de keuze der roeiers gaat men over tot de aanwijzing van ieders
+plaats in de boot. Hierbij zijn eenige regels in acht te nemen. Als
+slagroeier (<i xml:lang="en">strokeman</i>, <i xml:lang="fr">chef de nage</i>, <i xml:lang="de">Schlagmann</i>) kieze men den besten
+roeier, of hem, die door meerdere geoefendheid boven de anderen uitmunt.
+De slagroeier is 't, die de grootste verantwoordelijkheid in de boot
+draagt. Vertraagt hij zijn tempo, verliest zijn slag de noodige
+veerkracht, noodwendig moet dit terugwerken op de anderen, want ze
+moeten hem volgen, en al waren ze de beste roeiers der wereld, ze kunnen
+er niets aan doen.</p>
+
+<p>Ook zijn kalmte en koelbloedigheid zeer gewenschte eigenschappen in hem,
+om dezelfde reden, dat hij 't tempo moet aangeven. Een zenuwachtige slag
+heeft dikwijls een wedstrijd doen verliezen, evenals kalmte en beleid
+hem vaak doen winnen. Te gelegener tijd uitgevoerde &bdquo;<i>spurtjes</i>&ldquo;, het
+juist gebruik maken van zwakke oogenblikken van de tegenpartij, zijn
+dikwijls beslissend geweest op een race tusschen ongeveer gelijkstaande
+ploegen.</p>
+
+<p>In die oogenblikken is het de taak van de overige leden der ploeg, maar
+vooral van den 2<sup>en</sup> slagroeier, om oogenblikkelijk 't veranderd tempo
+te volgen; <span class="pagenum" title="113">&nbsp;</span><a id="p_113"></a>geen halve slag mag daardoor ongelijk worden, op 't zelfde
+oogenblik dat de slagroeier zijn tempo verandert, moeten de overigen dit
+als een elektrischen schok voelen; wij herhalen het, in de 1<sup>e</sup> plaats
+de 2<sup>e</sup> slagroeier, want volgt hij niet, dan zullen alle
+stuurboordroeiers eveneens achterblijven; hij is als 't ware de
+slagroeier aan stuurboord.</p>
+
+<p>Bij de aanwijzing van ieders plaats komt 't gewicht in aanmerking. Het
+grootste gewicht moet in 't midden der boot gelegd worden, dus in een
+vierriemsgiek zijn 2<sup>e</sup> slagroeier en 2<sup>e</sup> boeg de zwaarste personen,
+zoo 't kan de 2<sup>e</sup> slag nog zwaarder dan de 2<sup>e</sup> boeg. De boeg (<i xml:lang="en">bow</i>,
+<i xml:lang="fr">brigadier</i>, <i xml:lang="de">Bug</i>) is de lichtste, terwijl de slagroeier minder gewicht
+moet hebben dan de twee in 't midden der boot gezetenen. De
+gewichtsverdeeling is echter niet van overwegend belang; stel dat iemand
+door zijn regelmatig tempo, etc., de meeste geschiktheid bezit als
+slagroeier, maar tevens de zwaarste van de ploeg is; dit laatste zal dan
+geen verhindering mogen zijn om hem als slag te doen plaats nemen. Eerst
+wanneer een tweede, wat die geschiktheid betreft, met hem gelijk staat,
+zal de gewichtsverdeeling in aanmerking mogen komen. 't Gewicht aan
+bakboord moet ongeveer gelijk zijn aan dat aan stuurboord; anders zou
+de boot naar n kant &bdquo;overliggen&ldquo;, hetgeen alleen verholpen kan worden
+doordat de stuurman meer naar den kant van 't minste gewicht gaat
+zitten. Behalve <span class="pagenum" title="114">&nbsp;</span><a id="p_114"></a>dat dit laatste nadeelig voor de boot is, heeft het nog
+dit inconvenient dat de stuurman bij de minste schommeling van de boot
+door wind of golven weer naar 't midden van zijn zitplaats zal glijden,
+in welk geval 't evenwicht weer verloren is.</p>
+
+<p>Een punt aan groot belang is dat de krachten aan stuurboord en aan
+bakboord zooveel mogelijk gelijk zijn, zoodat, wanneer 't roer
+losgelaten wordt, de boot eene rechte lijn volgt en geen van beide
+boorden, zooals 't heet, &bdquo;<i>overgetrokken</i>&ldquo; wordt. Duidelijk is het,
+waarom.</p>
+
+<p>Trekt een van de boorden over, dan ziet de stuurman zich genoodzaakt
+voortdurend 't roer naar n kant om te halen, hetgeen met meer of
+mindere kracht voortdurend het vaartuig in zijn gang tegenhoudt.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Zijn de roeiers gekozen, is ieders plaats in de boot aangewezen, de
+ploeg kan dan &bdquo;<i xml:lang="en">in training</i>&ldquo; gaan. De beteekenis van 't engelsche woord
+&bdquo;<i xml:lang="en">to train</i>&ldquo; is africhten; hij, die de handeling pleegt is <i>de <span xml:lang="en">trainer</span></i>.</p>
+
+<p>In Engeland is dit gewoonlijk een &bdquo;<i xml:lang="en">professional</i>&ldquo; (d. i. iemand, die
+van een zekeren tak van sport, in casu van 't roeien, zijn beroep, zijne
+broodwinning heeft gemaakt) of een gewezen <i xml:lang="en">professional</i>, die in dienst
+treedt bij eene roeivereeniging, om de ploegen voor de wedstrijden af te
+richten, door hun, bij de oefeningen en bij hunne levenswijze met raad
+ter zijde te staan en het noodige toezicht over hen uit te <span class="pagenum" title="115">&nbsp;</span><a id="p_115"></a>oefenen.
+Ook in Duitschland is bij de groote roeivereenigingen de gewoonte om
+trainers in dienst te nemen, heerschende, en in Frankrijk en Belgi niet
+onbekend.</p>
+
+<p>In Nederland echter heeft ze nog geen ingang gevonden, hier worden de
+jongere roeiers geoefend en getraineerd door hunne oudere collega's,
+leden of eereleden van de vereeniging. Het behoeft nauwelijks gezegd te
+worden dat eerstgenoemd gebruik veel voor heeft. De in dienst genomen
+trainers toch zijn niet alleen beproefde roeiers, of het geweest, maar
+bovendien menschen die er hun beroep van maken om de fouten in eens
+anders methode te ontdekken, en in de roeikunst onderwijs te geven. Dit
+nu is eene kunst op zich zelf.</p>
+
+<p>Het doel van de training is natuurlijk om de ploeg in den toestand te
+brengen waarin zij haar toppunt heeft bereikt, en de baan in den kortst
+mogelijken tijd aflegt. De engelschen zeggen dan dat men &bdquo;<i xml:lang="en">in
+condition</i>&ldquo; is.</p>
+
+<p>Daarvoor is noodig dat de roeiers reeds vrdat de training begint, goed
+kunnen roeien. Het is een zeer verkeerd begrip, dat ze dat gedurende de
+training wel kunnen leeren. Daarvoor is de tijd te kort; men moet dan de
+laatste hand aan 't werk leggen, om zoo te zeggen, de puntjes op de i
+zetten. Het spreekt van zelf, dat vooral bij jonge roeiers gedurende de
+training de stijl zich aanmerkelijk nog zal verbeteren, <span class="pagenum" title="116">&nbsp;</span><a id="p_116"></a>maar men mag
+het daarop niet aan laten komen, ze moeten reeds vr dien tijd
+geoefende roeiers zijn.</p>
+
+<p>De training dient: 1. om van de verschillende roeiers n geheel te
+maken. Het is mogelijk dat ieder op zich zelf goed is, maar de ploeg
+slecht; 2. om de taaiheid der spieren, de kracht der longen en het
+weerstandsvermogen van 't hart tot op 't maximum te brengen, dat ieder
+der roeiers voor zich bereiken kan.</p>
+
+<p>Om dit doel te bereiken, moet men zich dagelijks vele vermoeienissen
+getroosten, vele genietingen ontzeggen. Hieraan is 't dan ook toe te
+schrijven, dat zoo velen zich niet aan het rgime willen onderwerpen.
+Want dat er zijn, die van de training weinig zouden verwachten, kunnen
+wij niet gelooven, wanneer de resultaten zoo helder aan den dag komen,
+niet alleen op 't gebied van de roeisport, maar ook van de andere takken
+van sport. Wanneer wij zien dat <em class="g" xml:lang="no">Axel Paulsen</em>, om wien te Leeuwarden op
+zijne oefeningen de Friezen, als spreeuwen om een kraai, cirkels
+beschreven, op den wedstrijd op de lange baan met glans overwon, wanneer
+wij hem bewonderen als hij op het laatst even hard rijdt als in 't
+begin, dan is 't onmogelijk dat wij in ernst over de training minachtend
+de schouders ophalen. Moeten wij niet veeleer denken aan gemis aan
+wilskracht, aan gemakzucht?</p>
+
+<p>In hem, die het wel aardig vindt aan een wedstrijd <span class="pagenum" title="117">&nbsp;</span><a id="p_117"></a>deel te nemen, en
+dit als een grap beschouwt, kunnen wij het verschoonen, dat hij zich
+niet aan de ontberingen wil onderwerpen, en zich niet al te veel moeite
+getroost. Maar den echten liefhebber van den sport strekt het tot
+schande!</p>
+
+<hr />
+
+<p>Welke zijn nu de middelen om het bovenomschreven doel te bereiken?
+Wanneer wij de handboeken over den roeisport opslaan in het hoofdstuk
+over de training, dan vinden wij daarin een overvloed van voorschriften,
+die in de kleinste bizonderheden de dagverdeeling en de levenswijze der
+roeiers in training aangeven. Behalve dat meestal hierdoor te weinig
+rekening wordt gehouden met 't verschil in lichaamsgesteldheid, in
+krachten, in gewoonten van de verschillende roeiers, heeft deze wijze
+van behandeling bovendien deze grove fout, dat de geheele regeling te
+bezwarend, ja onuitvoerbaar wordt. Het is daarom ons doel in de volgende
+regelen aan te geven eene wijze van training, die het minst mogelijk
+afwijkt van de dagverdeeling, levenswijze en gewoonten in Nederland in
+zwang. Ieder wijzige deze naar zijne bizondere bezigheden, die hem
+verhinderen haar juist te volgen, zooals ze hier zal worden aangegeven.</p>
+
+<p>Ter bevordering van de regelmaat zullen wij de in acht te nemen
+<ins class="corr" id="corr27" title="Bron: voorschriftenin">voorschriften in</ins> 3 cathegorien verdeelen.</p>
+
+<p>In de eerste plaats komt in aanmerking <i>de oefening <span class="pagenum" title="118">&nbsp;</span><a id="p_118"></a>in de boot</i>.
+Noodzakelijk is 't hieraan de grootste zorg te besteden. Om het grootst
+mogelijke nut van deze oefeningen te trekken moet men ze niet te snel
+op elkander doen volgen. Twee oefeningen daags, ieder van 1 uur, zijn
+wenschelijk, een des morgens en een des avonds (daar bij ons alle
+wedstrijden in den zomer plaats hebben). De slag zorge er voor, vooral
+in de eerste week der training, een niet te snel tempo aan te geven,
+maar zulk een, dat door allen gemakkelijk gevolgd kan worden. Men moet
+nog leeren gelijk roeien, men moet aan elkander gewennen en eenigszins
+dezelfde manier van roeien verkrijgen; daarvoor is 't vooral noodig dat
+men niet overhaast wordt. Gaat 't niet goed, dan is 't raadzaam om een
+oogenblik te rusten; in 't algemeen is 't wenschelijk op de oefeningen,
+na de helft van den afstand afgelegd te hebben, 10 min. of een kwartier
+te rusten. Men zal dan dikwijls bemerken, dat op den terugtocht beter
+geroeid wordt dan bij 't heengaan.</p>
+
+<p>Is er meer gelijkheid in de bewegingen van de roeiers gekomen, dan worde
+het tempo versneld, en sommige kleine afstanden mogen zelfs met groote
+krachtsinspanning geroeid worden.</p>
+
+<p>Men ga er echter niet te spoedig toe over een baan op tijd te roeien;
+dit bederft den stijl en vergt te veel van de krachten der roeiers.
+Eerst wanneer de roeiers aan elkaar gewoon zijn geraakt, en een <span class="pagenum" title="119">&nbsp;</span><a id="p_119"></a>paar
+weken van de training achter den rug zijn, dan mag er &bdquo;<i>een baantje
+geroeid worden</i>.&ldquo; Maar dit mag niet te dikwijls herhaald worden, want
+eene lange oefening van 1 uur is als regel veel beter.</p>
+
+<p>Het is o. i. nuttig dagelijks een &bdquo;<i>start</i>&ldquo; te maken, en gedurende 1 of
+2 min. het versnelde tempo te behouden. Maar men beginne ook hiermede
+eerst nadat de ploeg eenige vorderingen gemaakt heeft.</p>
+
+<p>Overigens is er weinig te zeggen van de wijze waarop in de boot geoefend
+moet worden. Veel hangt af van de krachten der roeiers. Hiermede vooral
+moet de trainer te rade gaan, en ook de bemanning zelve moet beoordeelen
+hoeveel zij van haar krachten kan vergen.</p>
+
+<p>Maar wij wenschten toch, vooral voor jonge roeiers, een raad te geven:
+men denke niet dat hoe grooter de dagelijksche arbeid is, des te sterker
+de ploeg wordt, want het gevaar voor overspanning is dan groot.
+Werkelijk, 't is geen zeldzaam geval, dat men op 't einde van de
+training zwakker wordt, omdat men &bdquo;<span xml:lang="en">overtrained</span>&ldquo; is; en dit is dan
+meestal 't gevolg van 't overmatig baantjes roeien.</p>
+
+<p>De groote moeilijkheid, die zich bij de training voordoet, is juist
+deze, dat men moet ontwijken twee klippen, aan den eenen kant te slappe
+oefening, aan den anderen kant overspanning, in n woord, men moet
+nabij komen aan het maximum, dat van ieders krachten kan gevergd worden,
+zonder hem af te matten.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="120">&nbsp;</span><a id="p_120"></a></p>
+
+<p>Als tweede middel tot oefening van de spieren, maar vooral van hart en
+longen, diene het <i>hardloopen</i>.</p>
+
+<p>Ook hiervoor geldt natuurlijk de waarschuwing tegen overspanning. Men
+beginne daarom met slechts eenige minuten in kalmen draf te loopen, en
+telkens op te houden, wanneer de ademhaling te moeilijk wordt.
+Langzamerhand worden de afstanden grooter, en sommige daarvan met
+grooter snelheid afgelegd. Op deze wijze gebruike men des morgens daags
+een uur. Maar deze oefening mag geen afbreuk doen op de oefening in de
+boot; zoodra men bemerkt dat men spoedig vermoeid wordt bij het roeien,
+moeten de oefeningen in het hardloopen ingekort worden.</p>
+
+<p>Zoowel door de oefening in de boot als door 't loopen verliest men 't
+overtollige vet. Dit is bevorderlijk voor de vrije werking van hart en
+longen, en ook van de spieren.</p>
+
+<p>Maar wij houden het voor bepaald nadeelig om nog bovendien kunstmatig te
+doen zweeten door b.v. na het hardloopen in bed onder de dekens te gaan
+liggen, waardoor de transpiratie nog eenigen tijd wordt voortgezet,
+zooals door sommigen (o. a. <em class="g" xml:lang="de">Victor Silberer</em>) wordt aangeraden. Op deze
+wijze verliest men krachten, zonder dat de spieren, zooals bij het
+natuurlijke zweeten 't geval is, door de gezonde oefening worden
+gestaald. Bovendien wordt door strenge training, op de wijze zooals
+hierboven is <span class="pagenum" title="121">&nbsp;</span><a id="p_121"></a>aangewezen, van zelf het vet tot een minimum
+teruggebracht.</p>
+
+<p>Tot de derde cathegorie brengen wij de regels en voorschriften omtrent
+de <i>levenswijze</i> en het <i>dieet</i> gedurende de training in acht te nemen.</p>
+
+<p>Eene geregelde levenswijze, vroeg naar bed en vroeg op, is eerste
+plicht. Het spreekt van zelf dat na den vermoeienden dagelijkschen
+arbeid het lichaam eene flinke rust noodig heeft. Veel hangt ook hier af
+van ieders gewoonte; een bepaald aantal uren is daarom niet als regel
+aan te geven, maar ieder zorge volkomen uitgerust des morgens op te
+staan, zonder nochtans uit luiheid na voldoenden slaap in bed te blijven
+liggen.</p>
+
+<p>Wat het te gebruiken voedsel betreft, zijn alle vet aanzettende spijzen
+verboden, en moeten de krachtige spieren vormende gerechten gezocht
+worden. Zoo zijn rundvleesch en des morgens bij 't ontbijt eieren als
+hoofdvoeding te gebruiken. Ook bladgroenten zijn aan te raden;
+daarentegen aardappelen, zetmeelinhoudende groenten, als boonen, erwten,
+enz. kortom alle meelspijzen af te raden.</p>
+
+<p>Ook vette kost, als varkensvleesch, en ook al te versch brood is
+nadeelig.</p>
+
+<p>Eene hoofdzaak bij de training is de onthouding van allerlei
+genietingen; maar tevens zijn de voorschriften hieromtrent gegeven, die,
+welke het meest overtreden worden, en waarbij men helaas! geneigd <span class="pagenum" title="122">&nbsp;</span><a id="p_122"></a>is
+groote toegevendheid jegens zich zelven te betoonen.</p>
+
+<p>Dat de omgang met het andere geslacht streng verboden is, laat zich
+gemakkelijk begrijpen. Vele krachtige sappen worden dan door het lichaam
+verloren, die het onmogelijk missen kan, want, wij hebben het reeds
+gezegd, dagelijks wordt het maximum krachtsinspanning van het lichaam
+gevorderd; en het is onzin te beweeren, dat men door wat meer voedende
+spijs te gebruiken de krachten kan herstellen, want ook de maag moet
+reeds het maximum arbeid verrichten, reeds zooveel voedsel wordt
+opgenomen, als mogelijk is zonder oververzadigd te worden.</p>
+
+<p>Dat 't gebruik van sterken drank en het rooken uiterst nadeelig is, het
+is eene algemeen bekende zaak; 't eerste omdat het 't bloed te snel in
+beweging brengt, het tweede omdat 't nadeelig op de longen werkt. Deze
+moeten zooveel mogelijk zuivere lucht inademen; vandaar ook dat 't aan
+te raden is, gedurende de training zooveel mogelijk in de open lucht te
+zijn.</p>
+
+<p>Bier is nog bovendien om deze reden verboden, omdat het vet aanzet. 't
+Gebruik van een enkel glas wijn, wij kunnen het eerder goed- dan
+afkeuren, vooral bij het middagmaal en dan aangelengd met een weinig
+water, omdat het in dezen vorm den dorst meer lescht dan zuiver water.</p>
+
+<p>Dikwijls ziet men roeiers in training na afloop van hunne oefeningen
+groote hoeveelheden water <span class="pagenum" title="123">&nbsp;</span><a id="p_123"></a>drinken; en dit is zeer begrijpelijk, omdat
+men door 't zweeten soms een bijna onlijdbaren dorst verkrijgt; en toch
+is 't zeer verkeerd daaraan zonder eenigen tegenstand toe te geven. Men
+drinke nooit een glas in n teug leeg; dit lescht den dorst niet, een
+oogenblik daarna gevoelt men weer bijna evenveel behoefte, en op deze
+wijze wordt de maag gevuld met plassen vloeibare stoffen, terwijl de
+beschikbare ruimte, om 't zoo uit te drukken, gebruikt had moeten worden
+tot opneming van krachtige spijzen. Een goede raad is 't om bij 't
+drinken slechts kleine slokjes van tijd tot tijd te nemen; op die manier
+wordt de dorst gestild door eene betrekkelijk kleine hoeveelheid. De
+ondervinding heeft ons zelf geleerd welk verrassend resultaat men door
+deze wijze van handelen kon verkrijgen. Gingen wij op eerstgenoemde
+wijze te werk, door met groote teugen te drinken, dan waren wij
+nauwelijks tevreden met 7 8 glazen water bij het middagmaal. Later
+zagen wij in dat dit nadeelig was, en bemerkten toen, dat door de
+hierboven aanbevolen methode reeds 3 glazen onzen dorst konden lesschen.</p>
+
+<p>De vraag, welke de duur van den trainingtijd moet zijn, is niet in 't
+algemeen te beantwoorden. Het hangt van verschillende omstandigheden af.
+In de eerste plaats van de lengte van de baan, die op den wedstrijd
+afgelegd moet worden. Is deze kort, dan kan men volstaan met een korter
+trainingtijd; <span class="pagenum" title="124">&nbsp;</span><a id="p_124"></a>is hij daarentegen lang, dan is ook eene langdurige
+training noodig om &bdquo;<i>in conditie</i>&ldquo; te komen. Verder hangt de
+beantwoording van de vraag af van de meerdere of mindere geoefendheid
+der roeiers. Hebben deze reeds meermalen op wedstrijden medegedongen, en
+dus reeds meermalen eene training medegemaakt, dan zullen ze eerder in
+conditie zijn dan 't geval is met jonge roeiers, die voorzichtiger
+behandeld moeten worden, kalmer moeten beginnen, en daarom langer tijd
+noodig hebben. Onzes inziens zou als middelmaat kunnen dienen de tijd
+van 6 weken. Maar in alle geval moeten allen reeds voor de eigenlijke
+training geregeld eenigen tijd eene dagelijksche oefening hebben gehad,
+daar 't lichaam anders niet voldoende in staat is om plotseling zulk
+eene zware inspanning te verdragen. De overgang zou dan te schielijk
+zijn.</p>
+
+<hr />
+
+<p>Als slot van dit hoofdstuk laten wij volgen eene proeve van eene
+verdeeling van den dag voor roeiers in Nederland.</p>
+
+<p>Men staat 's morgens om zeven of acht uur op, al naar men de gewoonte
+heeft vroeg of laat zijne legerstede te verlaten. Het lichaam wordt met
+koud water geheel gewasschen, of zoo de gelegenheid open staat, even in
+'t water ondergedompeld, daarna met een ruwen handdoek hard afgewreven.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="125">&nbsp;</span><a id="p_125"></a></p>
+
+<p>Vr het ontbijt nog gaat men dan ongeveer een half uur uit en begint
+zijne oefening in 't loopen op bovenvermelde wijze. Men mag zich echter
+vr het ontbijt niet te veel vermoeien; daarom is het beter, zoo men
+den tijd heeft, om deze oefening zeer kort te maken, en haar in den
+middag te herhalen. Men zorge steeds voor deze oefening andere kleeren
+beschikbaar te stellen, die na afloop ervan uitgedaan worden, om 't
+lichaam met een ruwen doek af te wrijven en schoon te droogen. Na drooge
+kleeren aangetrokken te hebben, en toch vooral niet denzelfden flanellen
+borstrok, gebruikt men een stevig ontbijt.</p>
+
+<p>Tot 1 uur is men vrij; op dat uur begint de oefening in de boot, en deze
+duurt tot half drie.</p>
+
+<p>Om de lunch niet te kort hieraan te doen voorafgaan, beginne men er wat
+vroeger mee, dan men gewoon is, zoodat een uur minstens verloopt na
+afloop van de lunch vr 't begin van de oefening. Het overige gedeelte
+van den namiddag is men vrij. Voor zoover deze vrije uren niet bezet
+zijn door bezigheden, waartoe men door zijn werkkring verplicht is,
+brenge men ze door in kalme beweging zooveel mogelijk in de open lucht.
+Liggen is in alle geval verkeerd.</p>
+
+<p>Na het diner begint om 7 uur of half acht de 2<sup>e</sup> oefening in de boot;
+deze duurt tot half 9 of 9 uur. Niet te kort voordat men zich te ruste
+<span class="pagenum" title="126">&nbsp;</span><a id="p_126"></a>begeeft wordt nog een matig avondmaal gebruikt, bestaande uit niet te
+zware spijzen; om half 11 of 11 uur gaat men ter ruste.</p>
+
+<p>Het zal niet voor iedereen mogelijk zijn deze dagverdeeling te volgen,
+maar, wij herhalen het, hij wijzige ze dan naar de eischen van zijne
+werkzaamheden, zooveel mogelijk echter z, dat de lichamelijke arbeid
+over den geheelen dag wordt verdeeld.</p>
+
+<p>Het komt ons voor dat wie, zooveel in zijn vermogen is, dezen leefregel
+volgt en daarbij de andere gegeven voorschriften nakomt, het onschatbare
+genoegen zal smaken dagelijks zijne vorderingen te bemerken, en telkens
+bij de oefeningen zich sterker en veerkrachtiger te gevoelen. Met
+zelfvoldoening zal hij op 't einde van de training kunnen terugzien op
+den zoo goed gebruikten tijd, waarin hij zijn lichaam gehard, zijne
+wilskracht gestaald en zijn levenslust opgewekt heeft. Met een kalm hart
+en een gerust geweten zal hij op den dag van den wedstrijd op de baan
+verschijnen, die voor hem wellicht roemvol zal worden!</p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 71px;">
+<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<p><span class="pagenum" title="127">&nbsp;</span><a id="p_127"></a></p>
+
+<div class="figcenter2" style="width: 463px;">
+<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<h2><a id="VI"></a>ZESDE HOOFDSTUK.</h2>
+
+<hr class="chbegin2" />
+
+<p class="subh2">DE WEDSTRIJD (<i xml:lang="en">race</i>, <i xml:lang="fr">course</i>, <i xml:lang="de">rennen</i>).</p>
+
+<div><img class="cap" src="images/cap_e.png" width="73" height="116" alt="" /></div>
+
+<p class="drop">Eindelijk is dan de lang verwachte dag aangebroken, die door eene
+overwinning of eervolle nederlaag de kroon op het werk zal zetten. Velen
+zijn van meening, dat de roeiers op den dag vr den wedstrijd
+denzelfden leefregel moeten volgen, dien zij den ganschen trainingtijd
+hebben gehad; dus de loopoefening, roeioefeningen, enz. ook dien dag
+waarnemen. Anderen raden aan, dat eene raceploeg dien dag in volkomen
+rust moet doorbrengen om op die wijze als 't ware dubbele krachten voor
+den wedstrijd zelf te verzamelen.</p>
+
+<p>Wij zijn het meer eens met de laatsten en kunnen deze methode bij
+ondervinding als de beste <span class="pagenum" title="128">&nbsp;</span><a id="p_128"></a>aanbevelen. Een eindje kalm roeien is dan
+goed, maar alle inspanning moet vermeden worden.</p>
+
+<p>Wat dus nog al eens in de laatste weken van dien tijd gedaan wordt,
+&bdquo;<i>het zoogenaamde baantje roeien</i>&ldquo;, mag op den dag vr den wedstrijd
+volstrekt niet geschieden.</p>
+
+<p>Het beste is om alsdan met kalmen slag de baan een paar keeren af te
+roeien, zoowel voor den stuurman om zijn koers voor den volgenden dag
+vast te stellen, als voor de roeiers om zich te orinteeren en aldus in
+staat te zijn gedurende den strijd hunne krachten verstandig te
+verdeelen.</p>
+
+<p>Op den voorgaanden dag dus nooit de roeiers afmatten!</p>
+
+<p>Twee uren vr den aanvang van den wedstrijd gebruiken de roeiers een
+stevig, maar niet overvloedig maal, bestaande uit vleesch en eieren; en
+daar de wedstrijden bij ons te lande meestal te 1 ure aanvangen kan dit
+maal dus gevoeglijk als lunch gelden, en zal er een kop koffie bij
+kunnen gebruikt worden.</p>
+
+<p>De stuurman begeve zich intusschen, zoo hij dit den vorigen dag nog niet
+gedaan heeft, naar de regelingscommissie om alle noodzakelijke
+inlichtingen aangaande afgaan, baan, draaiboeien, passeeren der winboei,
+enz. te verkrijgen.</p>
+
+<p>Na dan een uurtje met praten te hebben doorgebracht, wordt het al
+spoedig tijd zich naar het terrein <span class="pagenum" title="129">&nbsp;</span><a id="p_129"></a>van den strijd te begeven, de boot
+te water te laten en een oogenblik met kalmen slag op en neer te roeien
+om de spieren wat lenig te maken.</p>
+
+<p>Daarna gaan de roeiers op een beschaduwd plekje zitten tot het nummer
+aan den seinpaal wordt geheschen, dat den wedstrijd aankondigt, waarin
+zij zullen mededingen. Mochten zij alsdan dorst of liever een droge keel
+hebben, zoo zal een slok spuitwater geen kwaad doen. Men moet echter op
+den dag van den wedstrijd niet drinken, zoo men er geen bepaalde
+behoefte aan heeft, en ook dan nog de kleinste hoeveelheden.</p>
+
+<p>De ploeg stapt dus in, zorgt dat de <span xml:lang="en">sliding-seats</span> goed loopen; dat het
+stootleer van den riem goed, doch niet al te rijkelijk gesmeerd is; dat
+de spoorplank goed vastzit; dat de voetriem geen gevaar loopt te breken;
+dat de kleederen niet kunnen knellen, doch vrij en los om het lichaam
+zitten. Nauwlettendheid is hierbij noodig, daar op alle wedstrijden
+slechts ongevallen, die door de schuld van mededingers zijn veroorzaakt,
+recht tot reclame geven. De stuurman zorgt, dat zijne stuurlijnen niet
+doorgesleten zijn op het juk van het roer, dat zijn zitkussen stevig op
+den bank bevestigd is, zoodat hij er niet mede naar de zijden kan
+glijden.</p>
+
+<p>Hij bespreekt nog even met den slag eenige zaken, die zij op den vorigen
+dag hebben overgelegd b.v. welke theorie te volgen met het afgaan, welke
+draaiboei <span class="pagenum" title="130">&nbsp;</span><a id="p_130"></a>te nemen, zoo men de keus heeft, op welke punten spurts te
+maken, enz.</p>
+
+<p>En daar ligt dan de boot aan de afvaartsboei, wachtende op het schot.</p>
+
+<p>De stuurman heeft beide stuurlijnen in zijn eene, de afvaartsboei in de
+andere hand, gereed om deze los te laten zoodra het schot afgaat en dan
+de stuurlijnen terstond op de gewone wijze in handen te nemen.</p>
+
+<p>De roeiers moeten zwijgen en op elk woord van den stuurman letten, die
+natuurlijk zorgt de boot recht te houden in den voorgeschreven koers en
+daartoe nu bakboord dan stuurboord iets zal laten ophalen of strijken.</p>
+
+<p>De roeiers zien met voorovergebogen lichaam en gestrekte armen recht
+voor zich uit en hebben slechts op den slag te letten om tegelijk met
+hem te kunnen beginnen. Daartoe houden zij dan ook voortdurend het blad
+van den riem in het water.</p>
+
+<p>Wij herhalen het: de roeiers moeten letten op den slag en niet op het
+schot. Zoo allen op het hooren van het schot willen afgaan, zal de start
+nooit zoo regelmatig zijn, als wanneer zij slechts op den slag en op
+niets anders om zich heen letten.</p>
+
+<p>De slag vangt het schot op d. i. hij moet niet wachten, tot het schot
+heeft weerklonken, doch als 't ware tegelijk met het afgaan ervan zijn
+slag beginnen. Op dat oogenblik werpt de stuurman de <span class="pagenum" title="131">&nbsp;</span><a id="p_131"></a>afvaartsboei flink
+zijwaarts van zich af, zoodat deze in het water en niet in de boot
+terecht komt. Wij hebben meermalen gezien, dat de stuurman dat touw, aan
+het einde gewoonlijk van een stuk kurk voorzien, in plaats van in het
+water, achter zich in de boot wierp, waar het om een latje slingerde en
+de boot vasthield. De roeiers moesten dan eerst zich aftobben om door
+wanhopig rukken dat weerspannige touwtje of het latje waarom het zich
+gedraaid had, stuk te trekken, vrdat zij zich op weg konden begeven.</p>
+
+<p>Wij behoeven niet te zeggen, hoe zulk een oogenschijnlijk klein en
+vergeeflijk verzuim van een stuurman een zes weken langen arbeid kan
+vruchteloos maken.</p>
+
+<p>Dus het schot heeft weerklonken en pijlsnel schiet de boot voorwaarts.
+Van dat oogenblik af hebben de roeiers slechts op den slag te letten;
+zoo hij het tempo versnelt, moeten zij hem hierin terstond volgen; zoo
+hij het aantal slagen vermindert, ook hierin n met hem zijn; van
+praten onder den wedstrijd mag geen sprake zijn; slechts de slag zal nu
+en dan aan den stuurman zijn wil door een wenk te kennen geven, zoodat
+deze laatste op elke beweging van den slag moet letten, geene vragen aan
+hem zal doen, waarop het antwoord uit eenige woorden moet bestaan, doch
+zijne vraag aldus inkleeden, dat een knik van den slag voldoend antwoord
+is.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="132">&nbsp;</span><a id="p_132"></a></p>
+
+<p>Op wedstrijden heeft ieder wel stuurlieden in functie gezien, die door
+ontzettend te schreeuwen hunne roeiers aanvuren en schor van die
+inspanning aan land stappen. Dat schreeuwen is natuurlijk tot niets
+nuttig en zal slechts den lachlust van het publiek kunnen opwekken. Wl
+kan het kwaad doen: namelijk de roeiers reeds in het begin tot te groote
+inspanning verleiden, en niets is op een wedstrijd gevaarlijker dan dat.</p>
+
+<p>Daarom, stuurman, spreek kalm tot uwe roeiers. Het zullen natuurlijk
+meestal personen zijn, die gij goed kent, zoodat gij allicht weet, welke
+snaren in hun gemoed moeten worden aangeroerd om hun moed in te
+boezemen; en dan zal het wl zooveel indruk maken, zoo gij hen dit kalm
+en flink toevoegt, dan indien gij met een rood gelaat als een bezetene
+zit te brullen en te springen.</p>
+
+<p>Thans nog het een en ander over het afgaan.</p>
+
+<p>Vraagt men, wat beter is: terstond alle krachten in te spannen om van
+den aanvang af de leiding op zich te nemen of in het begin niet al te
+veel &bdquo;er op te zetten&ldquo;, teneinde dan later te toonen wat men kan, zoo
+zouden wij hierop in het algemeen geen antwoord willen geven, maar wel
+na eerst de ploeg te hebben leeren kennen, waarvoor het gevraagd wordt.</p>
+
+<p>Eene ploeg, uit zenuwachtige personen bestaande, zal, zoo zij vr is,
+al terstond rustiger gestemd <span class="pagenum" title="133">&nbsp;</span><a id="p_133"></a>worden en dus beter samenwerken. Voor
+zulke roeiers is het derhalve wel wenschelijk, om, zoo het niet al te
+veel inspanning moet kosten, reeds in den aanvang vr te komen. Vooral
+voor jonge roeiers dus zal dit meestal verkieslijk zijn.</p>
+
+<p>Wat daarentegen ervaren, bedaarde roeiers betreft, die er zich in 't
+minst niet om bekommeren of zij aanvankelijk vr of achter zijn, die
+met een glimlach toezien hoe hunne tegenstanders in woeste vaart hen
+voorbijvliegen en hunne krachten in het begin verspillen, zulke roeiers
+zouden wij altijd aanraden flink maar kalm af te gaan.</p>
+
+<p>Wij hebben eene bepaalde baan steeds in korteren tijd afgelegd, wanneer
+wij bedaard vertrokken en al ons kunnen in het laatste gedeelte legden,
+dan zoo wij hard afgingen en de baan, naar ons gevoel althans, toch ook
+konden uitroeien.</p>
+
+<p>Het spreekt van zelf, dat ook dat kalm afgaan en krachten sparen voor
+het laatst niet moet overdreven worden. Ook dan kan men in een fout
+vervallen, die de overwinning kosten kan.</p>
+
+<p>Op de verstandige verdeeling der krachten komt dus veel aan.</p>
+
+<p>In andere landen zijn meestal alle roeivereenigingen tot een bond
+vereenigd, die reglementen voor wedstrijden vaststellen, welke dus voor
+al die vereenigingen bindend zijn. Bij ons is dit niet het geval, en
+laat elke vereeniging, die een wedstrijd <span class="pagenum" title="134">&nbsp;</span><a id="p_134"></a>uitschrijft, op het programma
+tevens de voor dien wedstrijd geldende bepalingen drukken.</p>
+
+<p>Het is misschien wenschelijk, dat de jaarlijksche vergadering te
+Amsterdam dit punt eens op haar programma plaatste, n.l. het vaststellen
+van een reglement voor roeiwedstrijden, uitgeschreven door nederlandsche
+R. of Z. vereenigingen.</p>
+
+<p>Eenige bepalingen, die algemeen zijn aangenomen, vindt men op elk
+programma terug, o. a. hetgeen wij over het recht tot reclame zeiden.</p>
+
+<p>Op een paar willen wij nog wijzen:</p>
+
+<p>Een roeier wordt <i>junior</i> genoemd, wanneer hij vr den 1<sup>sten</sup> Januari
+van dat jaar nog geen eersten prijs heeft gewonnen, of slechts op
+wedstrijden tusschen leden eener zelfde vereeniging of matches
+(wedstrijden tusschen twee particulieren tengevolge eener uitdaging).</p>
+
+<p>Behaalt een roeier een eersten prijs tegen een of meer vereenigingen,
+zoo wordt hij met ingang van het volgende jaar <i>senior</i> en mag nooit
+meer op wedstrijden, uitgeschreven voor juniores, uitkomen.</p>
+
+<p>In Belgi geldt echter de bepaling, dat men slechts door het winnen van
+een eersten prijs op een <i>internationalen</i> wedstrijd senior wordt.
+Nationale wedstrijden noemen zij <i xml:lang="fr">courses d'entranement</i>.</p>
+
+<p><span xml:lang="en">Oarsmen</span> en <span xml:lang="en">scullers</span> vormen twee op zich zelf staande groepen, zoodat een
+prijs door een <span xml:lang="en">oarsman</span> behaald, den winner wl als <span xml:lang="en">oarsman</span>
+doch <span class="pagenum" title="135">&nbsp;</span><a id="p_135"></a>niet
+als <span xml:lang="en">sculler</span> senior maakt; en zoo omgekeerd.</p>
+
+<p>Wij laten nog als slot volgen een <i>concept algemeen reglement voor
+wedstrijden</i>:</p>
+
+<p>1. Het sein van afvaart wordt door den &bdquo;starter&ldquo; gegeven, nadat deze
+zich verzekerd heeft, dat alle mededingende partijen gereed zijn.</p>
+
+<p>2. Indien de starter van oordeel<ins class="corr2" id="corr28" title="Bron: ,"></ins> is dat eenige
+onregelmatigheid heeft plaats gehad bij de afvaart, dan zal hij dadelijk
+de partijen terugroepen; elke partij, die weigert een tweede maal af te
+gaan, zal buiten mededinging worden gesteld.</p>
+
+<p>3. Elke partij, die niet op 't bepaalde sein binnen den voor den
+wedstrijd vooraf bepaalden tijd aan de afvaartsboei verschijnt, kan
+buiten mededinging worden gesteld.</p>
+
+<p>4. Bij loting wordt aan iedere partij hare boei van omvaart aangewezen.</p>
+
+<p>5. Iedere partij moet gedurende de geheele baan in haar eigen vaarwater
+blijven. Begeeft zij zich in een anders water, dan geschiedt dit op haar
+eigen risico; met ieders water wordt bedoeld die lijn recht voor zich
+uit, die evenwijdig loopt met den koers van de andere booten tot aan de
+winboei toe.</p>
+
+<p>6. De partij, door wier schuld aanvaring of averij ontstaat, verliest
+alle aanspraak op den prijs, tenzij de scheidsrechter, wegens het
+onbeduidende er van, anders mocht beslissen.</p>
+
+<p><span class="pagenum" title="136">&nbsp;</span><a id="p_136"></a></p>
+
+<p>7. Averij, niet door toedoen van mededingers geschied, geeft geen recht
+tot reclame.</p>
+
+<p>8. In geval van aanvaring kan de scheidsrechter beslissen, dat de
+mededingende partijen behalve die, door wier schuld de aanvaring is
+geschied, nogmaals op denzelfden dag of op een nader bepaalden anderen
+dag de geheele baan tegen elkander roeien.</p>
+
+<p>9. Alle geschillen betreffende den race, van de afvaart af tot aan de
+aankomst aan de winboei worden beslist in hoogste instantie door den
+Scheidsrechter of door eene Jury, bestaande uit een oneven aantal leden.
+Reclames moeten dadelijk na aankomst worden ingediend.</p>
+
+<p>10. De beslissing, welke partij 't eerst de winboei bereike, komt toe
+aan een op die hoogte geposteerden persoon.</p>
+
+<p>11. De leiding van den wedstrijd is opgedragen aan eene afzonderlijke
+commissie, die de volgorde van het programma bepaalt, vaststelt over
+welke zijde de booten om de boei van omvaart moeten gaan, en de
+stuurlieden de noodige aanwijzingen geeft.</p>
+
+<div class="figcenter" style="width: 71px;">
+<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" />
+</div>
+
+<div class="TNbox">
+<a id="correctie"></a>
+
+<h2>Overzicht aangebrachte correcties</h2>
+
+<p>De volgende correcties zijn aangebracht in de tekst:</p>
+
+<table summary="correcties in tekst">
+ <thead>
+ <tr><th>Plaats</th><th>Bron</th><th>Correctie</th></tr>
+ </thead>
+ <tbody>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr1">Blz. 3</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr2">Blz. 16</a></td><td class="td4" xml:lang="en">Chapionship</td><td class="td4" xml:lang="en">Championship</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr3">Blz. 17</a></td><td class="td4">engelschegoud</td><td class="td4">engelsche goud</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr4">Blz. 18</a></td><td class="td4" xml:lang="en">Campionship</td><td class="td4" xml:lang="en">Championship</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr5">Blz. 21</a></td><td class="td4"><sub>den</sub></td><td class="td4"><sup>den</sup></td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr6">Blz. 29</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr7">Blz. 31</a></td><td class="td4" xml:lang="en">Morlake</td><td class="td4" xml:lang="en">Mortlake</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr8">Blz. 32</a></td><td class="td4" xml:lang="en">RowingClub</td><td class="td4" xml:lang="en">Rowing Club</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr9">Blz. 32</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr10">Blz. 34</a></td><td class="td4">&prime;</td><td class="td4">&Prime;</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr11">Blz. 34</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr12">Blz. 38</a></td><td class="td4" xml:lang="en">ontriggers</td><td class="td4" xml:lang="en">outriggers</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr13">Blz. 38</a></td><td class="td4" xml:lang="en">swivling-rowlocks</td><td class="td4" xml:lang="en">swiveling-rowlocks</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr14">Blz. 44</a></td><td class="td4"><i>&nbsp;of&nbsp;</i></td><td class="td4">&nbsp;of&nbsp;</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr15">Blz. 46</a></td><td class="td4"><sub>e</sub></td><td class="td4"><sup>e</sup></td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr16">Blz. 54</a></td><td class="td4" xml:lang="fr">Joinville-le&nbsp;Pont</td><td class="td4" xml:lang="fr">Joinville-le-Pont</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr17">Blz. 55</a></td><td class="td4" xml:lang="de">Deichman</td><td class="td4" xml:lang="de">Deichmann</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr18">Blz. 63</a></td><td class="td4">Jui&nbsp;ste</td><td class="td4">Juiste</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr19">Blz. 66</a></td><td class="td4">op&nbsp;nieuw</td><td class="td4">opnieuw</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr20">Blz. 73</a></td><td class="td4">Plotsing</td><td class="td4">Plotseling</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr21">Blz. 74</a></td><td class="td4">begine</td><td class="td4">beginne</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr22">Blz. 81</a></td><td class="td4" xml:lang="en">beginniug</td><td class="td4" xml:lang="en">beginning</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr23">Blz. 85</a></td><td class="td4" xml:lang="en">slidingseat</td><td class="td4" xml:lang="en">sliding-seat</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr24">Blz. 92</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">.</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr25">Blz. 106</a></td><td class="td4">onmiddelijk</td><td class="td4">onmiddellijk</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr26">Blz. 110</a></td><td class="td4"><sub>e</sub></td><td class="td4"><sup>e</sup></td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr27">Blz. 117</a></td><td class="td4">voorschriftenin</td><td class="td4">voorschriften in</td></tr>
+ <tr><td class="td2"><a href="#corr28">Blz. 135</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4"></td></tr>
+ </tbody>
+</table>
+
+</div>
+
+
+
+
+
+
+
+
+<pre>
+
+
+
+
+
+End of the Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by
+Pieter Helbert Damst and Frans Eduard Pels Rijcken
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT ***
+
+***** This file should be named 39035-h.htm or 39035-h.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/3/9/0/3/39035/
+
+Produced by The Online Distributed Proofreading Team at
+http://www.pgdp.net
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, are critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
+
+
+</pre>
+
+</body>
+</html>
+
diff --git a/39035-h/images/cap_d.png b/39035-h/images/cap_d.png
new file mode 100644
index 0000000..e66ec76
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/cap_d.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/cap_e.png b/39035-h/images/cap_e.png
new file mode 100644
index 0000000..c6b1a25
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/cap_e.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/cap_g.png b/39035-h/images/cap_g.png
new file mode 100644
index 0000000..c8532c9
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/cap_g.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/cap_h.png b/39035-h/images/cap_h.png
new file mode 100644
index 0000000..a630feb
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/cap_h.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/deco1.png b/39035-h/images/deco1.png
new file mode 100644
index 0000000..423fb80
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/deco1.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/deco2.png b/39035-h/images/deco2.png
new file mode 100644
index 0000000..e259002
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/deco2.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/deco3.png b/39035-h/images/deco3.png
new file mode 100644
index 0000000..e8ec95e
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/deco3.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/deco4.png b/39035-h/images/deco4.png
new file mode 100644
index 0000000..b052813
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/deco4.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/deco5.png b/39035-h/images/deco5.png
new file mode 100644
index 0000000..336a6ee
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/deco5.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_fp-th.jpg b/39035-h/images/ill_fp-th.jpg
new file mode 100644
index 0000000..05d9a7c
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_fp-th.jpg
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_fp.jpg b/39035-h/images/ill_fp.jpg
new file mode 100644
index 0000000..89a8860
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_fp.jpg
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p045.png b/39035-h/images/ill_p045.png
new file mode 100644
index 0000000..05a2ba9
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p045.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p047.png b/39035-h/images/ill_p047.png
new file mode 100644
index 0000000..a1562a6
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p047.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p053a.png b/39035-h/images/ill_p053a.png
new file mode 100644
index 0000000..92cab25
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p053a.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p053b.png b/39035-h/images/ill_p053b.png
new file mode 100644
index 0000000..9c7de6d
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p053b.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p063a.png b/39035-h/images/ill_p063a.png
new file mode 100644
index 0000000..0babf65
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p063a.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p063b.png b/39035-h/images/ill_p063b.png
new file mode 100644
index 0000000..d4bdbfd
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p063b.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p076.png b/39035-h/images/ill_p076.png
new file mode 100644
index 0000000..18c9841
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p076.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p077.png b/39035-h/images/ill_p077.png
new file mode 100644
index 0000000..ec59f6c
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p077.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p084.png b/39035-h/images/ill_p084.png
new file mode 100644
index 0000000..a8c2348
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p084.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p085.png b/39035-h/images/ill_p085.png
new file mode 100644
index 0000000..f26b2c1
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p085.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p086.png b/39035-h/images/ill_p086.png
new file mode 100644
index 0000000..8d1fd33
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p086.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/ill_p098.png b/39035-h/images/ill_p098.png
new file mode 100644
index 0000000..8b66ca9
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/ill_p098.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/title-th.png b/39035-h/images/title-th.png
new file mode 100644
index 0000000..6a1afd3
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/title-th.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/title.png b/39035-h/images/title.png
new file mode 100644
index 0000000..04574fb
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/title.png
Binary files differ
diff --git a/39035-h/images/titlepage.jpg b/39035-h/images/titlepage.jpg
new file mode 100644
index 0000000..45457be
--- /dev/null
+++ b/39035-h/images/titlepage.jpg
Binary files differ
diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt
new file mode 100644
index 0000000..6312041
--- /dev/null
+++ b/LICENSE.txt
@@ -0,0 +1,11 @@
+This eBook, including all associated images, markup, improvements,
+metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be
+in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES.
+
+Procedures for determining public domain status are described in
+the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org.
+
+No investigation has been made concerning possible copyrights in
+jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize
+this eBook outside of the United States should confirm copyright
+status under the laws that apply to them.
diff --git a/README.md b/README.md
new file mode 100644
index 0000000..d851a50
--- /dev/null
+++ b/README.md
@@ -0,0 +1,2 @@
+Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for
+eBook #39035 (https://www.gutenberg.org/ebooks/39035)