diff options
| -rw-r--r-- | .gitattributes | 3 | ||||
| -rw-r--r-- | 39035-0.txt | 3974 | ||||
| -rw-r--r-- | 39035-0.zip | bin | 0 -> 71988 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-8.txt | 3974 | ||||
| -rw-r--r-- | 39035-8.zip | bin | 0 -> 72050 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h.zip | bin | 0 -> 706985 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/39035-h.htm | 5244 | ||||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/cap_d.png | bin | 0 -> 1981 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/cap_e.png | bin | 0 -> 2010 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/cap_g.png | bin | 0 -> 1954 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/cap_h.png | bin | 0 -> 2121 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/deco1.png | bin | 0 -> 472 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/deco2.png | bin | 0 -> 5683 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/deco3.png | bin | 0 -> 840 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/deco4.png | bin | 0 -> 119 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/deco5.png | bin | 0 -> 1054 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_fp-th.jpg | bin | 0 -> 53994 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_fp.jpg | bin | 0 -> 377695 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p045.png | bin | 0 -> 46265 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p047.png | bin | 0 -> 9722 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p053a.png | bin | 0 -> 18970 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p053b.png | bin | 0 -> 19775 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p063a.png | bin | 0 -> 5533 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p063b.png | bin | 0 -> 5328 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p076.png | bin | 0 -> 10611 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p077.png | bin | 0 -> 9228 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p084.png | bin | 0 -> 2675 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p085.png | bin | 0 -> 2821 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p086.png | bin | 0 -> 2811 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/ill_p098.png | bin | 0 -> 1515 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/title-th.png | bin | 0 -> 7590 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/title.png | bin | 0 -> 18656 bytes | |||
| -rw-r--r-- | 39035-h/images/titlepage.jpg | bin | 0 -> 14909 bytes | |||
| -rw-r--r-- | LICENSE.txt | 11 | ||||
| -rw-r--r-- | README.md | 2 |
35 files changed, 13208 insertions, 0 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes new file mode 100644 index 0000000..6833f05 --- /dev/null +++ b/.gitattributes @@ -0,0 +1,3 @@ +* text=auto +*.txt text +*.md text diff --git a/39035-0.txt b/39035-0.txt new file mode 100644 index 0000000..5bcb004 --- /dev/null +++ b/39035-0.txt @@ -0,0 +1,3974 @@ +The Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by +Pieter Helbert Damsté and Frans Eduard Pels Rijcken + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: Nederlandsch handboek voor roeisport + +Author: Pieter Helbert Damsté + Frans Eduard Pels Rijcken + +Release Date: March 3, 2012 [EBook #39035] + +Language: Dutch + +Character set encoding: UTF-8 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT *** + + + + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +http://www.pgdp.net + + + + + + +----------------------------------------------------------------+ + | | + | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: | + | | + | De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, | + | verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te | + | moderniseren. | + | | + | Bladzijde-nummering is verwijderd. Afgebroken woorden aan het | + | einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Voetnoten zijn | + | verplaatst naar het eind van de alinea met de verwijzing. | + | | + | De in het origineel als cursieve tekst is weergegeven als | + | _cursief_. Uitgespatieerde tekst is weergegeven als | + | ~uitgespatieerd~. | + | | + | Overduidelijke druk- en spelfouten in het origineel zijn | + | gecorrigeerd. Variaties in spelling zijn behouden: met/zonder | + | accent, met/zonder koppelteken, met/zonder hoofdletter, | + | met/zonder extra spatie). Bij het Kampioenschap van Nederland | + | (blz. 33) zijn in de bron geen uitslagen vermeld. | + | | + | Aan het eind van het boek volgt een overzicht van de | + | aangebrachte correcties. | + | | + | De illustraties zijn beschikbaar bij de html-versie van dit | + | e-boek op http://www.gutenberg.org/ | + | | + +----------------------------------------------------------------+ + + + + + NEDERLANDSCH HANDBOEK + + VOOR + + ROEISPORT. + + +[Illustratie: „Sans nom” op de Race van 8 Juni, 1884, bij Leiden.] + + + + + NEDERLANDSCH + HANDBOEK + VOOR + ~ROEISPORT~ + + DOOR + + + DR. P. H. DAMSTÉ + EN + F. E. PELS RIJCKEN, + + Eereleden van de Leidsche Stud. R. V. „Njord”. + + + AMSTERDAM, + ~H. G. BOM.~ + (Warmoesstraat 35.) + + + + +INHOUD. + + + Blz. + + VOORREDE. + + I. GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT 1 + + Uitslag van wedstrijden 27 + + II. DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN 36 + + 1. De boot 36 + + 2. Onderdeelen der boot 41 + + III. HET ROEIEN 57 + + 1. Algemeene opmerkingen 57 + + 2. De eerste beginselen van de roeikunst 61 + + 3. Nadere behandeling van sommige punten 74 + + 4. Het scullen 93 + + IV. HET STUREN EN DE STUURMAN 102 + + V. DE TRAINING 109 + + VI. DE WEDSTRIJD 127 + + + + +VOORREDE. + + +Hoezeer wij volkomen bewust waren van het gewicht der taak die wij op +onze schouders laadden, toen wij het voornemen opvatten eene handleiding +voor Roeisport te geven, en dus eenigen schroom gevoelden, vóórdat +wij den arbeid aanvingen, zoo heeft toch de liefde voor den Roeisport +dusdanig bij ons overgewogen, dat wij ons over dien schroom hebben +kunnen heenzetten. + +De Engelschen toch hebben hun ~Bradford Woodgate~, de Franschen bezigen +hiervan eene vertaling, in Duitschland verscheen onlangs een nieuwe druk +van ~Silberer~'s „_Handbuch des Rudersport_,“ doch de nederlandsche +roeiers moesten zich met een dier buitenlandsche werkjes behelpen. + +Wij weten zelven te goed, dat het boekje, dat wij hierbij aan de +nederlandsche roeiers aanbieden, verre van volledig is en vele gebreken +heeft, dan dat wij ons zouden inbeelden daardoor de zoo lang gevoelde +leemte op voldoende wijze aan te vullen. Maar wij gelooven, dat ook in +deze zaak veel op het doel moet worden gelet. + +Immers met eene vertaling van een der vreemde handboeken zouden onze +roeiers al zeer weinig gebaat zijn. Er moet rekening worden gehouden met +toestanden en gewoonten, die bij ons anders zijn dan in den vreemde. + +Daarom hebben wij den eersten stap gedaan om, uit eigen ervaring +puttend, eene nederlandsche handleiding samen te stellen. + +Het is natuurlijk, dat wij ons daarbij meermalen tot buitenlandsche +schrijvers hebben gewend, en daaraan vele bizonderheden ontleend. + +Evenmin zal men ons het recht ontzeggen om dáár, waar wij eene andere +meening dan de hunne waren toegedaan, onze eigenen weg te bewandelen. +Wij hebben steeds onze opinie, waar deze van die anderen verschilt, +uitvoerig verdedigd, zoodat de lezer, na beide zijden gehoord te hebben, +zijne keuze kan vestigen. + +Op verschillende plaatsen, maar voornamelijk waar gehandeld wordt over +de boot en hare onderdeelen, hebben wij de engelsche, fransche en +duitsche benamingen, voorzoover wij ze konden te weten komen, gevoegd +achter de nederlandsche, daar het ons voorkwam, dat deze opgave van +eenig nut kan zijn bij de correspondentie met engelsche, fransche en +duitsche bootbouwers. + +Overigens hebben wij naar aanleiding van de volgende bladzijden weinig +meer te zeggen. Al roept de lezer, na de vrucht onzer overpeinzingen +te hebben doorloopen, nog niet uit: „_la vie sans canotage est une +absurdité_,“ zoo hopen wij toch door onzen arbeid iets te mogen +bijdragen tot het opwekken van de liefde voor den edelen roeisport +in ons dierbaar vaderland! + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +EERSTE HOOFDSTUK. + +GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT. + + +Het komt ons voor, dat aan het begin van eene handleiding over de +theorie van het roeien eene korte uiteenzetting van de geschiedenis +dezer schoone lichaamsbeweging niet mag gemist worden. + +Hierbij zouden wij echter in het duister rondtasten, zoo wij naar +bronnen gingen zoeken om daaruit het ontstaan en de geleidelijke +ontwikkeling na te gaan; slechts eene dorre, kale vlakte zou zich aan +den navorscher voordoen. + +Maar er zijn oasen in die woestijn. + +Die oasen zijn de roeiwedstrijden. Deze zijn reeds in oude tijden +zorgvuldig opgeteekend, hetzij als wetenswaardigheden in bestovene +kronieken of als zangen van bewonderende dichters. En zoo kan de +geschiedschrijver, van wedstrijd tot wedstrijd gaande, de vorderingen +opmerken, die in de duistere tusschenruimten zijn gemaakt, en daaruit +zijne gevolgtrekkingen met zekerheid maken. + +De wedstrijden dus zijn onze bronnen. Hoe en wanneer nu zijn deze +ingesteld? + +Zoodra vele menschen eene kunst gaan beoefenen, zal het niet lang duren +of zij zullen gaan beproeven, wie hunner het daarin wel het verst heeft +gebracht. Eerst zal zulk een proef misschien eens bij toeval worden +genomen, doch weldra vindt de zaak bij meerderen bijval, die door de +begeerte naar eer en roem worden aangetrokken, en alras worden vaste +dagen of feesten voor die proefnemingen vastgesteld. + +Zoo ontstonden wedstrijden en zoo ontstonden prijsvragen. + +Zoolang dus de menschen reeds geroeid hebben, zoolang bestaan ook reeds +de roeiwedstrijden. + +Zonder eenigen grond wordt het roeien door ~Victor Silberer~ in zijn +„_Handbuch des Rudersport_“ „een kind van den nieuweren tijd“ genoemd +en gezegd, dat er geene bewijzen zijn voor de onderstelling, dat reeds +bij de oude volken wedstrijden in het roeien gehouden zijn. Immers +~Virgilius~ schildert in het 5de boek zijner _Aeneis_ een roeiwedstrijd +op meesterlijke wijze, en, wat meer zegt, reeds de grijze ~Homerus~ +verkondigt in de _Odyssea_ herhaaldelijk den lof, dien de _Phaeaces_ +met de riemen hebben behaald! + +Maar het zou ons te ver voeren, de roeikunst van die oude tijden af na +te gaan. Hen, die daarin belangstellen, verwijzen wij naar het werkje +van den franschen ingenieur ~Aug. Jal~: _la flotte de César, Paris, +Didot,_ 1861. + +Dezelfde schrijver heeft zich ook door zijne „_Archéologie navale_“ +en „_Glossaire nautique_“ verdienstelijk gemaakt ten opzichte van het +zeewezen in de middeleeuwen. + +De oudste in Engeland bekende roeiwedstrijd is de sculler-race om +„_Doggett's Coat and Badge_,“ die in 1715 door den tooneelspeler ~Mr. +Thomas Doggett~ werd ingesteld en nog telken jare op den 1sten Augustus +wordt gehouden op de Thames van London-bridge tot Chelsea. Slechts +aan jonge „_watermen_“ (schippers), die hun leertijd juist hebben +uitgediend, is het veroorloofd naar den prijs te dingen. Deze bestaat +uit eene roode jas en zilveren medaille, waaraan door de londensche +visschersvereeniging nog eene som gelds is toegevoegd. Daar slechts +zes roeiers aan den wedstrijd mogen deelnemen, wordt, zoo zich +meerdere mededingers hebben aangemeld, door voorafgaande wedstrijden +(_trial-heats_, _Versuchsrennen_) uitgemaakt, welke zes deze eer waardig +zijn. + +Vele wedstrijden, in daarop volgende jaren gehouden, zijn van minder +belang. + +Reeds in 1815 vinden wij onderlinge wedstrijden tusschen verschillende +colleges van Oxford vermeld in achtriemsgieken; in Cambridge werd +hierin voor het eerst geroeid in 1826. + +Van de ongeveer driehonderd wedstrijden, die jaarlijks in Engeland +gehouden worden, is die in achtriemsgieken tusschen de studenten van +Oxford en Cambridge zeker wel de meest bekende. In 1829 had deze kamp +voor het eerst plaats, en nu wordt reeds sedert eene reeks van jaren +jaarlijks vóór de Paaschvacantie door geheel Engeland met spanning de +dag verwacht, waarop het donkerblauw van Oxford en het lichtblauw van +Cambridge op de 6838 M. lange baan van Putney naar Mortlake op de Thames +naar den prijs zullen dingen. Reeds 43 malen is die strijd gestreden, +waarin Oxford een viertal overwinningen op de tegenpartij vóór heeft. +Aan Cambridge komt echter de eer toe het beste record te hebben behaald +nl. in 1873 (tevens het eerste jaar, waarin de _sliding-seat_ werd +gebruikt), toen de ~Cantabs~ in 19′ 35″ de overwinning behaalden. +Vermelding verdient ook het jaar 1877, waarin de strijd onbeslist bleef, +daar beide booten tegelijkertijd de winning-post bereikten: op eene zoo +lange baan voorwaar eene groote zeldzaamheid! + +Een eigenaardig feest vond den 7den April 1881 te London plaats. Men +vierde toen het vijftigste verjaarfeest der _University-race_, waaraan +200 personen deelnamen van de 485, die hetzij als roeiers of als +stuurlieden van 1829 af tot op den feestdag toe aan dien wedstrijd +hadden deelgenomen. Als aandenken aan dien dag hebben de H.H. ~Treherne~ +en ~Goldie~ een boek uitgegeven in slechts 250 exemplaren, dat door ~Mr. +W. Spottiswoode~, die in 1845 tot de Oxford-ploeg behoorde, gedrukt is. +Het is van fraaie afbeeldingen voorzien en bevat eene beschrijving, niet +slechts van den feestdag, maar ook van alle _University-races_, die van +1829 tot 1880 hebben plaats gehad. Tevens geeft het een onderhoudend +verhaal van de verdere loopbaan der roeiers. Uit de statistiek blijkt, +dat de sterfte onder de raceroeiers geringer is dan gewoonlijk. Derhalve +de hand aan de riemen, levenslustigen! + +Na de _Varsity_ (zooals het volk den Universiteitswedstrijd noemt), +die telken jare het roeiseizoen opent, volgt in belangrijkheid de +_Henley-Royal-Regatta_, in 1839 gesticht. Dit is het grootste nationale +roeifeest in Engeland, dat meerdere dagen duurt en wedstrijden in +allerlei gieken te aanschouwen geeft. Als het gloriepunt geldt echter +steeds de „_race for the diamond challenge sculls_,“ daar de winner +van de gouden, door een grooten diamant verbondene sculls tevens als de +_champion-sculler_ van Europa wordt beschouwd. Verscheidene malen hebben +duitsche en fransche scullers er aan deelgenomen, maar nog nimmer is het +hun mogen gelukken de sculls aan de Engelschen te ontrukken. + +Nadat te Henley gebleken is, wie op de korte baan van 2100 M. de beste +sculler is, kan deze eenige dagen daarna op de Thames zijne krachten op +de lange baan beproeven, en wel op den wedstrijd „_for the Wingfield +sculls and the amateur Championship of the Thames_,“ die jaarlijks op +de Putney–Mortlake baan wordt gehouden om een paar zilveren sculls, +welke in 1830 door ~Mr. H. C. Wingfield~ zijn geschonken. + +Na aldus de drie belangrijkste wedstrijden in Engeland genoemd te +hebben, willen wij ook over andere landen het een en ander zeggen. +En dan verdient in de eerste plaats Duitschland genoemd te worden, +daar in geen ander land het roeien in de laatste jaren zóó in bloei +is toegenomen als dáár. Het aantal roeivereenigingen wordt nog steeds +grooter, de wedstrijden jaarlijks menigvuldiger, de deelneming +voortdurend drukker. + +Dat verschijnsel is te verklaren, wanneer wij zien, hoe personen van +het vorstelijk huis van hunne belangstelling doen blijken door hunne +tegenwoordigheid op wedstrijden, door het uitloven van prijzen en—door +zelven aan den roeisport een werkzaam aandeel te nemen. + +Ook komt de eer van dien vooruitgang voor een groot gedeelte toe aan +het in 1883 opgerichte weekblad, de „_Wassersport_“, door ~Carl Otto~ +te Berlin uitgegeven. Sedert alle roeivereenigingen van het duitsche +rijk in datzelfde jaar tot den „_Deutschen Ruderverband_“ toetraden en +genoemd blad tot haar officiëel orgaan verklaarden, heeft het steeds +zijne lezers op de hoogte gehouden van alle gewichtige feiten, die op +dat gebied voorvielen, en hoogst belangrijke beschouwingen over het +roeien in zijne kolommen te genieten gegeven. Wij raden dan ook alle +vereenigingen, die op de hoogte willen blijven van den roeisport in het +buitenland, ten zeerste aan om dit blad in het clubgebouw ter lezing te +leggen. + +Op overwinningen tegen buitenlanders kunnen de duitsche roeiers zich +niet zeer beroemen. Hoewel zij in ~Achilles Wild~, die reeds drie jaren +„_die Meisterschaft von Deutschland_“ heeft veroverd en haar slechts +ééns door een ongeluk aan een ander heeft moeten afstaan, een goed +sculler bezitten, zoo is deze in Engeland nog steeds verslagen. + +Men moet het in de Frankforter R. G. „_Germania_“ toch op prijs stellen, +dat zij de energie hebben zich met de Engelschen te gaan meten. In 1880 +dong een achtriems van deze club te Henley mede naar den prijs, in 1881 +en 1883 ~Wild~ in de sculling, terwijl in 1884 ~Dr. W. R. Patton~ van +de Cölner R. C. en ~J. Bungert~ van de Mannheimer R. C. hunne krachten +aldaar beproefden. Alles tevergeefs: de _diamond sculls_ zijn in +Engeland gebleven en het eenige succes, waarop de Duitschers zich +beroemen kunnen, is, dat ~Wild~ den champion van Frankrijk, die ook +deelnam, heeft verslagen. + +En dat zegt veel: want ~Lein~ heeft zich als sculler een goeden naam +verworven en gedurende acht jaren den titel „_Champion de France_“ +gevoerd. + +In 1883 nam de _Club Nautique de Gand_ aan verscheidene nummers van den +grooten wedstrijd te Frankfort deel en behaalde bij allen den eersten +prijs. + +Jammer is het, dat de haat tegen de Duitschers zich bij de Franschen tot +in den sport heeft vastgeworteld: een paar voorbeelden hiervan willen +wij mededeelen. + +Een Berlijner had aan een bootbouwer te Parijs eenige teekeningen +besteld, welke deze in verschillende sportbladen had geadverteerd. In +plaats van de gevraagde platen ontving de Duitscher een brief met de +mededeeling, dat de schrijver als oud-kavallerist dacht deel te nemen +aan het innemen van Berlijn en dan meteen de teekeningen zou +medebrengen. + +Eenige jaren geleden lieten twee duitsche scullers zich inschrijven voor +het championnaat van Frankrijk, dat internationaal is. Zij werden echter +door het komitee afgewezen op grond, dat het voor de handelingen van het +plebs van Parijs niet kon instaan bij eene mogelijke overwinning van een +Duitscher. + +Wij herhalen het: jammer, dat zelfs de sport onder de politiek lijden +moet! + +De Franschen hebben, behalve den wedstrijd om het championnaat, nog +een roeifeest, dat even als de _university-race_ in Engeland, duizende +toeschouwers lokt: dit is de „_match annuel en outrigger à huit +rameurs_“ tusschen de _Rowing Club_ en de _Société Nautique de la +Marne_. + +De club, die tegenwoordig in Frankrijk wel het meest van zich doet +hooren, is de _Cercle de l'Aviron_ te Parijs. Jaarlijks ondernemen de +roeiers van die vereeniging tallooze tochten naar België, Italië en +Zwitserland, en hunne jaarverslagen wijzen telken jare geheele lijsten +van overwinningen aan. + +Zoo zien wij, dat ook in Frankrijk de roeisport vooruitgaat en in eere +is. Voorwaar een verblijdend verschijnsel, als wij weten, dat aldaar +vroeger het woord „_canotier_“ een scheldnaam was, gelijkstaande met +„_leeglooper_“, „_deugniet_“ en dergelijke lieflijkheden. Dit verhaalt +ons tenminste de schrijver van het werkje, dat den tocht van drie +fransche roeiers door Nederland beschrijft, en dat ieder met genoegen +zal lezen. Het draagt tot titel „_En canot de Douai au Helder_“ en is +in 1880 te Parijs uitgegeven. + +In België ziet het er, zoo men de bladen op dat gebied aldaar moet +gelooven, in de roeiwereld tegenwoordig niet zoo rooskleurig uit. +Fransche en nederlandsche ploegen hebben zich in de laatste jaren +herhaaldelijk de meerderen in het roeien betoond op wedstrijden, waaraan +Belgen deelnamen. Maar wat erger is en noodwendig belemmerend op den +vooruitgang van den sport in dat land moet werken: er heerscht tusschen +de vereenigingen geen vriendschappelijke geest; vooral de brusselsche +roeiclubs zijn voortdurend met elkaar op een gespannen voet. + +Gent was in de laatste jaren steeds aan het hoofd bij wedstrijden en +hare roeiers waren alom gevreesd, doch ook de _Club Nautique Gantois_ +deed in 1885 weinig meer van zich hooren. + +Moge daar in dien toestand spoedig verbetering komen! Er zijn althans +mannen genoeg, die zich alle mogelijke moeite geven tot verheffing van +den edelen roeisport. + +Eéne zaak is er, die, onzes inziens, zoowel in Frankrijk als in België +een nadeeligen invloed zal uitoefenen. Wij bedoelen de gewoonte, dat +raceroeiers de prijzen, die zij behalen, zelven behouden, daar zij +ook zelven hunne racebooten moeten aanschaffen en voor eigen kosten de +wedstrijden mogen bezoeken. Deze instelling moet slecht werken, daar eer +en onbaatzuchtigheid dikwijls zullen moeten plaats maken voor winstbejag +en hebzucht. + +Alles, wat wij tot dusver hebben medegedeeld, betrof slechts amateurs +d. w. z. roeiers, die het roeien slechts uit liefhebberij beoefenen en +er geene broodwinning van maken. Dat is nu wel zeer kort gezegd, maar +toch is er heel wat papier verbruikt, vóórdat men het ééns was over +de definitie; tenminste in landen waar eene grens tusschen amateurs +en professionals of roeiers van beroep noodig was: want in Nederland +bestaat eene zoodanige definitie niet, omdat zij tot nog toe niet +noodig is geweest. Wij laten de definities, die in Engeland, Frankrijk +en Duitschland zijn aangenomen, hier volgen. + +_Definition of an Amateur._ + + „An amateur oarsman or sculler must be an officer of Her + Majesty's army or navy or civil service, a member of the liberal + professions, or of the Universities or Public schools, or of any + established Boat- or Rowing-Club not containing mechanics or + professionals; and must not have competed in any competition for + either a stake, or money, or entrance-fee, or with or against + a professional for any prize; nor have ever taught, pursued, + or assisted in the pursuit of athletic exercises of any kind + as a means of livelihood; nor have ever been employed in or + about boats or in manual labour; nor be a mechanic, artisan, + or labourer.“ + +_Henley Definition. April 8, 1879._ + + „No person shall be considered an amateur oarsman or sculler: + First, who has ever competed in any open competition for a stake, + money, or entrance fee; secondly, who has ever competed with + or against a professional for any prize; thirdly, who has ever + taught, pursued, or assisted in athletic exercises of any kind as + a means of gaining a livelihood; fourthly, who has been employed + in or about boats for money or wages; fifthly, is or has been by + trade or employment, for wages, a mechanic, artisan or labourer.“ + +_Classification des rameurs._ + + „Ne seront admis dans les courses d'amateurs, que les rameurs + amateurs faisant partie des Sociétés invitées. + + Ne sont pas amateurs: + + 1. Les watermen, c'est-à-dire les rameurs, faisant profession de + courir. + + 2. Les rameurs courant ou ayant couru à gages. + + 3. Les marins, mariniers, passeurs, pêcheurs par état, gardiens + de garages, ouvrier constructeurs de bateaux, enfin toutes les + personnes, tirant leur moyen d'existence d'une façon habituelle + et continuelle dans les chantiers de construction et sur les + bateaux.“ + +_Deutscher Amateur-Begriff._ + + „Amateur ist Jeder, der das Rudern nur aus Liebhaberei mit + eigenen Mitteln betreibt oder betrieben hat und dafür keinerlei + Vermögensvortheile in Aussicht hat oder hatte, weder als Arbeiter + seinen Lebensunterhalt lediglich durch seiner Hände-Arbeit + verdient, noch in irgend einer Weise beim Bootbau beschäftigt + ist. Wer um Geldpreise startet oder nach dem 1 Januar 1884 + gestartet hat, wird nicht als Amateur betrachtet.“ + +Wij weten alzoo wat _professionals_ zijn en willen eens nagaan, welke +merkwaardige feiten in Engeland, Amerika en Australië onder hen zijn +voorgevallen. In andere landen namelijk, waar het roeien nog niet door +de lagere standen beoefend wordt, komt het professionalroeien niet voor. +Want de beroemdste professionals zijn grootendeels menschen uit de +volksklasse en worden, wanneer zij het tot zekere hoogte in de kunst +gebracht hebben, meestal door rijke bewonderaars in staat gesteld om +er zich geheel aan te wijden, zoodat men, lezende dat twee personen om +duizend pond sterling geroeid hebben, niet denken moet, dat zij hierbij +zelven deze som op het spel hebben gezet; die gelden zijn dan door de +_backers_ van elke partij bijeengebracht. Zooals hier een sportsman +zijne paarden op een wedren laat loopen, zoo hebben clubs, bestaande uit +rijke Amerikanen, hunne roeiers. + +Hierop zijn natuurlijk uitzonderingen: ook amateurs, die het ver hebben +gebracht, worden somtijds professionals, doordien zij zich met andere +beroepsroeiers hebben gemeten. + +In Engeland zijn jaarlijks ook voor deze klasse van roeiers bepaalde +wedstrijden, zooals de sedert 1854 bestaande _Thames National Regatta_ +en de in 1868 gestichte _Thames Regatta_. Dan zijn er vooral in Amerika +rijke liefhebbers, die dergelijke wedstrijden laten houden: zelfs de +„_Hop Bitters Company_“ heeft reeds meermalen 5000 Dollars voor dat +doel geschonken! Wel een echt amerikaansche manier om reclame te maken, +waartegen de „maandbladen tegen de kwakzalverij“ bezwaarlijk zullen +kunnen concurreeren. Op dezelfde wijze voerde genoemde _Company_ hare +geneesmiddelen in 1879 in Engeland in. + +De meeste wedstrijden tusschen professionals hebben plaats tengevolge +van eene uitdaging van een der beide partijen om eene bepaalde som. + +Tot 1876 had altijd een Engelschman den titel „_Championsculler of the +World_“ gevoerd, doch in dat jaar werd ~J. H. Sadler~ door den beroemden +Australiër ~E. Trickett~ verslagen, die door deze zege „_the Championship +of the World_“ en 400 £ mede naar zijn vaderland nam. + +Deze sculler werd in 1851 te Greenwich aan de Paramatta geboren. In 1875 +werd hij „_Champion of Australia_“ en in 1876 bracht een ondernemend en +rijk hotelhouder uit Sidney hem naar Engeland en deed hem daar tegen +den engelschen champion ~Sadler~ in 't strijdperk treden. + +Na het aldaar behaalde succes bevocht hij vele nieuwe lauweren, tot hij +in 1879 op de _Sidney-Regatta_, waaraan hij ziek deelnam, door een ander +bekend Australiër ~Laycock~ geslagen werd. + +Na zijne herstelling bewees hij dezen echter duidelijk zijne +meerderheid. + +Toch zou hij den trotschen titel niet lang meer behouden. + +Doch niet meer uit Engeland dreigde voor hem het gevaar: een Amerikaan +zou het zijn, die de eer van „den besten roeier der wereld te bezitten“ +van Australië op Canada moest overbrengen. + +Deze man was ~Edward Hanlan~. + +Hij werd den 12den Juli 1855 te Toronto geboren en behaalde in 1873 +zijne eerste overwinning op een match om het „_Amateur Championship in +the Toronto Bay_.“ Hij werd daarop professional. In 1877 daagde ~Wallace +Ross~, de gevierde sculler der United States, alle roeiers van Canada uit +om een match van 5 mijlen met hem te roeien om 1000 dollars. ~Hanlan~ nam +dit aan en won gemakkelijk. + +Deze zege, die hem tot „_Champion of Canada_,“ maakte, deed opeens +aller oogen op hem vestigen, zoodat zich te Toronto een _Hanlan-Club_ +vormde, die zijne verdere leiding op zich nam. Nu had ~Hanlan~ voor +niets meer te zorgen. De Club sloot alle overeenkomsten voor hem, +zorgde op de mildste wijze voor zijne behoeften, betaalde zijne reis- +en verblijfkosten, gaf hem de beste trainers, kortom, beschouwde hem +als haar dierbaarst kleinood. + +In 1878 sloeg hij den New-Yorker sculler ~Plaisted~ om 2000 Doll., dan +~Evan Morris~ om 1000 Doll. en het _Championship_ van geheel Amerika, +daarop nogmaals ~Wallace Ross~ en eindelijk ~Courtney~. + +In 1879 ging hij naar Engeland om tegen den engelschen champion ~W. +Elliott~ te roeien. + +Daar het er de _Hanlan-Club_ om te doen was zooveel mogelijk geld uit +de zaak te slaan, sloten zij vooraf eene overeenkomst, volgens welke +~Hanlan~ eerst met ~Hawdon~, een engelsch sculler van den tweeden rang, +zou roeien, terwijl de overwinnaar in dezen match zich met ~Elliott~ +zou meten. De list gelukte volkomen: de Engelschen, die ~Hanlan~ +niet kenden, wedden los en vast op hun champion, en de heeren van de +_Hanlan-Club_, die allen waren overgekomen, namen alle weddenschappen +aan. + +Toen ~Hawdon~ met gemak was verslagen, vermoedden de Engelschen nog +niets, daar ~Hanlan~ hierbij zich niet had behoeven in te spannen, +zoodat zij voortgingen met op ~Elliott~ te wedden. Maar daar versloeg +hij op den 16den Juni zonder de minste moeite ook ~Elliott~, waardoor +hij den „_Sportsman Challenge Cup_“ en 400 £ veroverde, benevens het +„_Championship of England_“, en met stroomen vloeide het engelsche goud +in de zakken der Amerikanen. + +Bij zijne terugkomst te Toronto werd hij feestelijk ingehaald door eene +deputatie met den burgemeester aan het hoofd, en de burgers schonken hem +een huis van 20,000 Doll. + +In 1880 veroverde hij door zijne overwinning op ~Trickett~ het +„_Championship of the World_.“ Deze match had plaats op de Thames en +staat in de annalen van het roeien als een der gewichtigste feiten +opgeteekend. Uit drie werelddeelen stroomden belangstellenden te samen +om den strijd te aanschouwen, en het moet voor de Engelschen een +beschamend gezicht zijn geweest op hunne oude Thames een Amerikaan en +Australiër om den titel te zien strijden, dien vroeger een der hunnen +bezat. + +Doch na 1876 hadden de Engelschen, wat het professionalroeien betreft, +zich nooit meer kunnen opheffen. + +In 1881 sloeg hij ~Laycock~, die intusschen ~Trickett~ overwonnen had en +het daarom ook tegen ~Hanlan~ meende te kunnen opnemen, met het meeste +gemak en wederom op de Thames. + +In 1882 stak hij nogmaals naar Engeland over en versloeg er den +engelschen Champion ~Boyd~ en ~Trickett~ nogmaals. + +In 1883 won hij het in Amerika tegen ~Kennedy~, ~W. Ross~ en vele anderen. + +In Mei 1884 versloeg hij nogmaals ~Laycock~. + +Doch ditzelfde jaar zou noodlottig voor hem worden en zijne gelukszon +zien ondergaan. + +Het bericht in de „_Wassersport_“ over zijne nederlaag begon met de +woorden: + + „Es fiel ein Stern herunter + Aus seiner funkelnden Höh'“ + +En zoo was het. ~Hanlan~ had eindelijk zijn meester gevonden. + +Het was ~William Beach~, die hem op de Paramatta bij Sidney versloeg +om 500 £ en het _Championship of the World_ op den 16den Aug. 1884. +Wel is waar bevocht hij den 7den Febr. 1885 terzelfde plaatse weer de +overwinning tegen den Australiër ~Clifford~ om 1000 £ en gaf daardoor +zijne landgenooten hoop, dat hij ook tegen ~Beach~ bij een tweeden match +zou kunnen stand houden, doch deze verwachting werd niet vervuld. Den +28sten Maart 1885 werd hij wederom door ~Beach~ geslagen, die thans den +_Championtitel_ voert. + +~Beach~ is den 6den Sept. 1852 geboren en woont te Dapto, Illawara. +Van beroep is hij smid en gelukkige vader van zes kinderen. Zijn +lichaamskracht moet buitengewoon zijn. Vóór zijn match met ~Hanlan~ +had hij de beroemdste scullers van Australië verslagen. + +Den 24sten Oct. 1885 leed ~Hanlan~ zijne derde nederlaag op de Hudson. +Thans was het ~John Teemer~, een nog jong en veelbelovend amerikaansch +sculler, die hem overwon. + +Daar ~Beach~ niet veel van reizen en trekken schijnt te houden, zullen +~Teemer~ en ~Ross~ wel de helden van het naderend seizoen zijn. Met de +Engelschen behoeven zij althans geen rekening te houden, daar ~Ross~ nog +den 10den Maart 1884 den besten engelschen roeier ~Bubear~ uit Putney +versloeg, dien hij zelfs 10 sekonden had vóórgegeven. + + * * * * * + +Werpen wij thans een blik op ons land. + +Op pag. 17 van zijn _Handbuch des Rudersport_ houdt ~V. Silberer~ eene +lange lofrede op de „_Allgemeine Sport-Zeitung_,“ die sedert 1880 te +Weenen het licht ziet, en—waarvan hij zelf uitgever is. Om nu nog niet +eens te spreken van het andere fraais, dat hij er van verhaalt, wil +ik op één volzin wijzen. Van het (dus: zijn) blad sprekend zegt hij: +„_welche heute das erklärte Central-Organ des gesammten Rudersportwesens +in Deutschland, Oesterreich, Holland, Russland und der Schweiz bildet_“. + +Wij zijn met den roeisport in twee van deze vijf rijken bekend, en in +Duitschland is het _Central-Organ des gesammten Rudersportwesens_ niet +de _A. Sportzeitung_, maar de _Wassersport_; terwijl Nederland zijn +_Nederlandsche Sport_ heeft. Op de drie overblijvende landen zal dus ook +wel iets af te dingen zijn. + +Het eerste nummer der „_Nederlandsche Sport_“ zag den 11den Maart 1882 +het licht. Hoewel het aan alle takken van sport is gewijd en stukken +over paardrijden en honden de meeste ruimte gewoonlijk in beslag nemen, +zoo staan hare kolommen toch ook voor de roeiers steeds open; mochten +dezen toch wat meer van deze gastvrijheid gebruik maken! + +In de eerste nummers gaf de „_Sport_“ eenige mededeelingen over het +ontstaan der oudste roeivereenigingen in Nederland. Wij ontleenen +daaraan de volgende bizonderheden. + +In 1846 werd te Rotterdam onder voorzitterschap van ~Prins Hendrik der +Nederlanden~ „_de Koninklijke Nederlandsche Yacht-Club_“ opgericht, +waarvan ook vele Amsterdammers lid werden. Spoedig ontstond er tusschen +de Rotterdammers, die ~Prins Hendrik~ aan hun hoofd hadden, en de +Amsterdammers geschil, waarop deze laatsten hun ontslag namen. Deze +vereeniging bestaat thans niet meer. + +In 1847 werd daarop te Amsterdam „_de Koninklijke Nederlandsche Zeil- en +Roeivereeniging_“ opgericht, waarvan in het volgend jaar ~Koning Willem +II~ het beschermheerschap aanvaardde. Reeds op 30 Sept. 1848 hield deze +vereeniging haar eersten wedstrijd op het IJ. + +In 1848 werd de R. en Z. V. „_de Hoop_“ te Amsterdam gesticht, wier +leden in datzelfde jaar den prijs, bestaande uit een door ~Prins +Hendrik~ geschonken beker, wonnen tegen twee rotterdamsche ploegen. +Deze wedstrijd werd den 12den Aug. 1848 te Rotterdam gehouden en is de +eerste giekenwedstrijd in ons land geweest. + +In 1851 werd daarop te Rotterdam de Z. en R. V. „_de Maas_“ opgericht. + +Het IJ, de Maas en de Amstel waren nu weldra getuigen van vele +wedstrijden tusschen deze beide vereenigingen, wier ploegen binnen +korten tijd ook in België (vooral te Antwerpen en Namen) en in Frankrijk +tallooze overwinningen behaalden. + +Toch duurde het lang, voordat nieuwe clubs naast de bestaande verrezen. +Eerst het jaar 1874 gaf aan verscheidene nieuwe vereenigingen tegelijk +het leven; en na dat jaar werd het getal grooter en grooter en neemt +nog jaarlijks toe. Zonderling is het echter dat zij steeds zijn beperkt +gebleven tot het midden van ons land; in het noorden en zuiden wordt het +roeien weinig of niet beoefend. + +Vooral op de laatste jaren kunnen de nederlandsche roeiers met trots +terugzien: 1883, 1884 en 1885 zagen daar, waar Nederlanders en vreemden +tegen elkaar kampten, steeds de eersten de zege behalen; jammer alleen, +dat wij, door ons verzet tegen den outrigger, van de engelsche races +kunnen wegblijven. + +Ook het inwendige, de verhouding onderling is bij ons beter dan in den +vreemde. + +De _Nederlandsche_ Sport bevat geene hatelijke stukken, die door +afgunst zijn in de pen gegeven, geene kleingeestige haarklooverijen, +waardoor verslagene roeiers hunne nederlaag tot eene overwinning +trachten te maken, geene berichten van vijandelijkheden in dezelfde +club. + +Onze amateurs zijn ook als roeiers gentlemen. + +De _Koninkl. Ned. Zeil- en Roeivereeniging_ wordt dikwijls en terecht +de moeder der nederlandsche roeivereenigingen genoemd. Want niet +alleen is zij de oudste en worden hare jaarlijksche wedstrijden als +de belangrijkste van het seizoen beschouwd, ook in een ander opzicht +betoont zij zich eene zorgzame moeder voor hare kinderen. + +Toen in 1885 eene zaak van algemeen belang voor de nederlandsche +roeivereenigingen het gemis aan een gemeenschappelijken band deed +gevoelen, riep zij afgevaardigden van alle clubs tot eene vergadering te +Amsterdam samen; en de zaak werd na onderlinge overweging tot een goed +einde gebracht. Het gold toen de stuurmanskwestie, waarop wij nader +zullen terugkomen. + +Deze vergadering had het nut van dergelijke bijeenkomsten zóó duidelijk +doen uitkomen, dat zij nu jaarlijks plaats vindt. Ook op die van +1886 werd een belangrijk voorstel aangenomen: de instelling van een +nederlandsch kampioenschap in single-sculling outrigged. + +Nadat dit in principe was besloten, verklaarden zich een twintigtal +heeren bereid om dien wedstrijd, zoowel de leiding als de kosten, geheel +op zich te nemen, en er een schoonen prijs voor uit te loven, die drie +achtereenvolgende jaren moet gewonnen worden alvorens het eigendom te +worden van den overwinnaar. + +Zij verbonden er echter de voorwaarde aan, dat de wedstrijd steeds bij +Amsterdam zou plaats vinden en internationaal moest zijn. + +Tegen het eerste bestond natuurlijk geen bezwaar. De vergadering +verzocht echter om den wedstrijd althans de eerste keeren slechts voor +nederlandsche scullers open te stellen. + +Volgens onze meening ware het beter een wedstrijd om het kampioenschap +van Nederland ook alleen voor Nederlanders te houden. Het doel van eene +dergelijke race is immers: te zien wie van de nederlandsche scullers de +beste is. + +Het is daarom onze hoop, dat de milde gevers hiertoe nog mogen +besluiten. + + * * * * * + +Ook ons land heeft sedert eenige jaren zijne universiteitswedstrijden. + +In Leiden was in 1874 de Studenten-Roeivereeniging „_Njord_“ opgericht, +en in 1876 zag te Delft de Studenten-Roeivereeniging „_Laga_“ het licht. + +In 1878 vond, op eene uitdaging van Leiden, aldaar de eerste wedstrijd +tusschen beide clubs in vierriemsgieken (vaste banken) plaats, die met +de overwinning van Delft eindigde. + +In 1880 gaf _Njord_ een internationalen wedstrijd en verbond hieraan +wederom eene race voor Studenten-Roeivereenigingen, waarin Delft +nogmaals met 10 sekonden de zege behaalde. + +Bij dezen wedstrijd roeide Delft op sliding-seats, terwijl Leiden ook +eene boot met sliding-seats had, doch de slidings had vastgezet, wijl de +ploeg aan vaste banken de voorkeur gaf. + +In 1881 had de wedstrijd te Delft plaats; beide partijen roeiden op +sliding-seats, Delft in eene boot van ~Dossunet~, Leiden in eene van +~Clasper~. Voor de derde maal was Delft de eerste met een voorsprong van +12 seconden. + +In 1882 dong ook de inmiddels opgerichte Studenten-Roeivereeniging +„_Triton_“ uit Utrecht mede. De wedstrijd had plaats te Leiden en de +uitslag was, dat Leiden de overwinning behaalde. Delft kwam 35 seconden +later als tweede aan en Utrecht bleef 18 sekonden achter Delft. + +In 1883 werd door de drie vereenigingen de „_Nederlandsche +Studentenroeibond_“ opgericht. Het bestuur hiervan bestaat uit zes leden +(van elke vereeniging twee), dat jaarlijks op een onzijdig terrein een +wedstrijd doet houden. Er wordt geroeid in vierriemsgieken, bemand door +de beste roeiers van elke vereeniging. Zoo vond in datzelfde jaar nog +de eerste race van den bond te Oudshoorn plaats op een baan van 3400 M. +met een omvaartsboei op de helft der baan. + +Bij de boei was Leiden eenige lengten vóór Utrecht, Utrecht evenveel +vóór Delft, toen er tusschen beide laatsten aanvaring plaats vond, +zoodat Leiden alléén aan de winboei kwam, en den prijs verkreeg. Deze +bestaat uit het eerediploma en vijf gouden medailles, waaraan door ~Mr. +J. Cohen Stuart~, eerelid van _Njord_, jaarlijks een kunstvoorwerp +ter waarde van 100 gulden onder den naam „_Oprichtersprijs_“ wordt +toegevoegd. + +In 1884 had de wedstrijd wederom te Oudshoorn plaats. Het bestuur +had nu besloten om er ook races voor seniores in tweeriems- en voor +juniores in vierriems en tweeriems aan toe te voegen om der wille van +het publiek. Het nummer „_Oude vier_“ bleef echter het hoofdnummer, +_de universityrace_. De prijs werd wederom door Leiden behaald, dat +4 sekonden vóór Utrecht en 36 sekonden vóór Delft den winning-post +bereikte. + +De baan was even lang als het vorige jaar, maar thans zonder draaiboei. + +In 1885 werd de strijd op het Noorder-Spaarne bij Haarlem gestreden. Het +hoofdnummer werd weder op eene rechte baan, die van Spaarndam naar de +stad liep, geroeid en zag Leiden als overwinnaar uit den strijd komen. +Leiden legde de baan 18 sekonden sneller af dan Utrecht en 30 sekonden +sneller dan Delft. + +Gedurende de vier laatste jaren bezigden alle drie clubs gieken van +~Dossunet~. + +Ook in 1886 is besloten den wedstrijd ter zelfder plaatse te houden, die +daarvoor dan ook alle voordeelen aanbiedt. + +Hoewel de drie clubs natuurlijk ook op andere wedstrijden meermalen +hunne krachten hebben gemeten, zullen wij dezen, evenmin als de +bijnummers op de universiteitswedstrijden, hier opsommen, daar het +ons slechts te doen is om in 't kort na te gaan de resultaten van de +nederlandsche „_Varsity_.“ + +Moge zij weldra evenveel belangstelling in Nederland ondervinden als de +Oxford-Cambridge race in Engeland geniet; en het lichtblauw van Leiden, +het rood van Delft, het donkerblauw van Utrecht op het jaarlijksche +roeifeest de borst sieren van duizenden en duizenden van belangstellende +toeschouwers! Dat zij zoo! + +[Decoratieve illustratie] + + + UITSLAG VAN WEDSTRIJDEN, + die in het eerste hoofdstuk zijn besproken. + + +Oxford and Cambridge Eight-Oared Race. + +De baan was in 1829 te Henley, in 1836 tot en met 1842 van Westminster +naar Putney, daarna van Putney naar Mortlake. + + Jaar. Overwinnaar. Tijd. Gewonnen met + + 1829 Oxford 14′ 30″ gemakkelijk. + 1836 Cambridge 36′ 1′ + 1839 Cambridge 31′ 1′ 45″ + 1840 Cambridge 26′ 30″ ⅔ L. + 1841 Cambridge 32′ 30″ 1′ 4″ + 1842 Oxford 30′ 45″ 13″ + 1845 Cambridge 23′ 30″ 30″ + 1846[1] Cambridge 21′ 5″ 2 L. + 1848 Cambridge 22′ 3 L. + 1849 Oxford — aanvaring. + 1852 Oxford 21′ 36″ 27″ + 1854 Oxford 25′ 29″ 11″ + 1856 Cambridge 25′ 50″ ½ L. + 1857 Oxford 22′ 50″ 35″ + 1858 Cambridge 21′ 23″ 22″ + 1859 Oxford 24′ 30″ C. gezonken. + 1860 Cambridge 26′ 1 L. + 1861 Oxford 23′ 27″ 48″ + 1862 Oxford 24′ 40″ 30″ + 1863 Oxford 23′ 5″ 42″ + 1864 Oxford 21′ 48″ 23″ + 1865 Oxford 21′ 23″ 13″ + 1866 Oxford 25′ 48″ 15″ + 1867 Oxford 22′ 40″ ½ L. + 1868 Oxford 21′ 6 L. + 1869 Oxford 20′ 20″ 5 L. + 1870 Cambridge 22′ 33″ 1 L. + 1871 Cambridge 23′ 5″ 1 L. + 1872 Cambridge 21′ 16″ 2 L. + 1873[2] Cambridge 19′ 35″ 3 L. + 1874 Cambridge 22′ 39″ 3 L. + 1875 Oxford 22′ 2″ 10 L. + 1876 Cambridge 20′ 20″ 8 L. + 1877 dead heat 24′ 8″ + 1878 Oxford 22′ 15″ 10 L. + 1879 Cambridge 21′ 18″ 4 L. + 1880 Oxford 21′ 23″ 4 L. + 1881 Oxford 21′ 51″ 3 L. + 1882 Oxford 20′ 12″ ¼ L. + 1883 Oxford gemakkelijk 3 L. + 1884 Cambridge 21′ 39″ 3 L. + 1885 Oxford 21′ 36″ 3 L. + 1886 Cambridge 22′ 39″ ½ L. + +[1] Voor den eersten keer in outriggers. + +[2] Voor den eersten keer met sliding-seats. + + +Henley-on-Thames Royal Regatta + +_Diamond Challenge Sculls, for Scullers._ + + Jaar. Winner. Tijd. + + 1844 Bumpsted, Seullers's Club, London 10′ 32″ + 1845 Wallace, Leander 10′ 30″ + 1846 Moon, Magdalen Coll., Oxford. + 1847 Maule, First Trinity, Cambridge 10′ 45″ + 1848 Bagshawe, Third Trin. Cambridge. + 1849 T. R. Bone, London. + 1850 T. R. Bone, Meteor C., London. + 1851 E. G. Peacock, Thames C., London. + 1852 E. Macnaghten, First Trin., Cambridge. + 1853 Rippingall, Peterhouse, Cambridge 10′ 2″ + 1854 H. H. Playford, Wandle C., London. + 1855 A. A. Casamajor, Argonauts C., London. + 1856 A. A. Casamajor, Argonauts C., London 9′ 27″ + 1857 A. A. Casamajor, London R. C. + 1858 A. A. Casamajor, London R. C. + 1859 E. D. Brickwood, Richmond 10′ + 1860 H. H. Playford, London R. C. 12′ 8″ + 1861 A. A. Casamajor, London R. C. 10′ 4″ + 1862 E. D. Brickwood, Richmond 10′ 40″ + 1863 C. B. Lawes, Third Trin., Cambridge 9′ 43″ + 1864 W. B. Woodgate, Brasenose Coll., Oxford 10′ 3″ + 1865 E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford 9′ 11″ + 1866 E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford 9′ 55″ + 1867 W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford 10′ 2″ + 1868 W. Stout, London R. C. 9′ 6″ + 1869 W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford 9′ 56″ + 1870 J. B. Close, First Trinity, Cambridge 9′ 43″ + 1871 W. Fawcus, Tynemouth R. C. 10′ 9″ + 1872 C. C. Knollys, Magdalen Coll., Oxford 10′ 48″ + 1873 A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge 9′ 45″ + 1874 A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge 10′ 50″ + 1875 A. C. Dicker, Lady Margaret Club 9′ 15″ + 1876 F. L. Playford, London R. C. 9′ 28″ + 1877 T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford 10′ 20″ + 1878 T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford 9′ 37″ + 1879 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 12′ 13″ + 1880 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 9′ 10″ + 1881 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 9′ 28″ + 1882 J. Lowndes, Jesus Coll., Cambridge 11′ 43″ + 1883 J. Lowndes, Kingston R. C. 10′ 2″ + 1884 W. S. Unwin, Magdalen Coll., Oxford 9′ 40″ + 1885 W. S. Unwin. + + +Wingfield Sculls + +_and the Championship of the Thames._ + + Baan van 1830–1849 Westminster–Putney, + 1849–1861 Putney–Kew, + 1861 Putney–Mortlake. + + 1830 J. H. Bayford. + 1831 C. Lewis. + 1832 A. A. Julius. + 1833 C. Lewis. + 1834 en 35 A. A. Julius. + 1836 H. Wood. + 1837 P. Colquhoun. + 1838 H. Wood. + 1839 H. Chapman. + 1840 en 41 T. L. Jenkins. + 1842 en 43 H. Chapman. + 1844 T. B. Bumpsted. + 1845 H. Chapman. + 1846 C. Russell. + 1847 en 48 J. R. L. Walmisley. + 1849 F. Playford. + 1850 en 51 T. R. Bone. + 1852 E. G. Peacock. + 1853 J. Paine. + 1854 H. H. Playford. + 1855–60 A. A. Casamajor. + 1861 E. D. Brikwood 29′ + 1862 W. B. Woodgate 27′ + 1863 J. E. Parker 25′ + 1864 W. B. Woodgate 25′ 35″ + 1865 E. B. Lawes 27′ 4″ + 1866 E. B. Michell 27′ 26″ + 1867 W. B. Woodgate. + 1868 W. Stout 26′ 52″ + 1869 en 70 A. de L. Long. + 1871 W. Fawcus 26′ 13″ + 1872 C. C. Knollys 28′ 30″ + 1873 en 74 A. C. Dicker 24′ 40″ en 25′ 45″ + 1875–79 F. L. Playford 24′ 41″ + 1880 A. Payne 24′ 2″ + 1881 J. Lowndes 25′ 13″ + 1882 A. Payne 27′ 40″ + 1883 J. Lowndes. + 1884 en 85 W. S. Unwin 24′ 12″ + + +Championnat de France. + + 1853 tot 1856 Frédéric Lowe. + 1857 tot 1861 Louis Armet. + 1862 Edmond Gamby. + 1863 Louis Huot. + 1864–1867 Eug. Frébault. + 1868, 69, 71 tot 75 Rég. Gesling. + 1876 tot 1883 Alex. Lein. + 1884 A. d'Hautefeuille. + 1885 Louis Bidauld. + + +Match annuel + +_entre le Rowing-Club et la Société Nautique de la Marne_. + + gewonnen met + 1880 Rowing Club 41″ + 1881 Rowing Club 45″ + 1882 S. N. de la Marne 37″ + 1883 S. N. de la Marne 20″ + 1884 Rowing Club 44″ + 1885 Rowing Club 5 L. + + +Meisterschaft von Deutschland. + + 1882 Achilles Wild, Frankfurter R. G. „Germania“ + 1883 J. Bungert, Mannheimer R. C. + 1884 Achilles Wild, Frankfurter R. G. „Germania“ + 1885 Achilles Wild, Frankfurter R. G. „Germania“ + + +Championnat de Belgique. + + 1874 Alfr. Vidrequin, Bruxelles. + 1875 Aug. Bartholomé, „ + 1876 Hector Donies, „ + 1877 Hector Donies, „ + 1878 Hector Donies, „ + 1879 Hector Donies, „ + 1880 Josef Polak, „ + 1881 H. Werlemann, „ + 1882 Joseph Polak, „ + 1883 M. Chaudoir, Liège. + 1884 Trasenster, „ + 1885 M. Chaudoir, „ + + +NEDERLAND. + + +Universiteitswedstrijd. + + Jaar. Overwinnaar. Plaats. Gewonnen met: + + 1878 Delft, op den Rijn bij Leiden gew. m. ? + 1880 Delft, op den Rijn bij Leiden „ „ 10″ + 1881 Delft, op de Schie bij Delft „ „ 12″ + 1882 Leiden, op den Rijn bij Leiden „ „ 35″ vóór Delft, + 53″ vóór Utrecht. + 1883 Leiden, Oudshoorn, aanvaring van Delft en Utrecht. + 1884 Leiden, Oudshoorn gew. m. 4″ vóór Utrecht, + 36″ vóór Delft. + 1885 Leiden, Haarlem „ „ 18″ vóór Utrecht, + 30″ vóór Delft. + + +Kampioenschap van Nederland. + + +_Matches of Professionals for the Championship._ + +P. M. = Putney–Mortlake. + +De tusschen haakjes geplaatste naam is die van den overwonnene. + + 1831 (9 Sept.) C. Campbell (C. Williams). + 1846 (19 Aug.) R. Coombes (C. Campbell) P. M. 26′ 15″ + 1852 (24 Mei) T. Cole (R. Coombes) P. M. 26′ 15″ + 1854 (20 Nov.) J. Messenger (T. Cole) P. M. 24′ 25″ + 1857 (12 Mei) H. Kelley (J. Messenger) P. M. 24′ 30″ + 1859 (25 Sept.) R. Chambers (H. Kelley) P. M. 25′ 25″ + 1865 (8 Aug.) H. Kelley (R. Chambers) P. M. 23′ 26″ + 1866 (22 Nov.) R. Chambers (J. Sadler) P. M. 25′ 4″ + 1867 (6 Mei) H. Kelley (R. Chambers) op de Tyne 31′ 47″ + 1868 (17 Nov.) J. Renforth (H. Kelley) P. M. 23′ 15″ + 1874 (17 April) J. H. Sadler (E. Bagnall) P. M. 24′ 15″ + 1875 (15 Nov.) J. H. Sadler (R. W. Boyd) P. M. 28′ 5″ + 1876 (27 Juni) E. Trickett (J. H. Sadler) P. M. 24′ 45″ + 1877 (19 Maart) R. W. Boyd (W. Nicholsen) + op de Tyne 25′ 40″ + 1877 (28 Mei) R. W. Boyd (J. Higgins) P. M. 28′ 24″ + 1877 (8 Oct.) J. Higgins (R. W. Boyd) P. M. 24′ 10″ + 1878 (14 Jan.) J. Higgins (R. W. Boyd) op de Tyne foul. + 1878 (3 Juni) J. Higgins (W. Elliott) P. M. 24′ 38″ + 1878 (17 Sept.) W. Elliot (R. W. Boyd) P. M. foul. + 1879 (17 Febr.) W. Elliot (J. Higgins) op de Tyne 22′ 1″ + 1879 (16 Juni) E. Hanlan (W. Elliot) op de Tyne 21′ 21″ + 1880 (15 Nov.) E. Hanlan (E. Trickett) P. M. 26′ 12″ + 1881 (14 Febr.) E. Hanlan (E. C. Laycock) P. M. 25′ 41″ + 1882 (3 April) E. Hanlan (R. W. Boyd) op de Tyne 21′ 25″ + 1882 (1 Mei) E. Hanlan (E. Trickett) P. M. 28′ + 1883 (31 Mei) E. Hanlan (J. L. Kennedy) + Point of Pines Canada m. 15 L. + 1883 (18 Juli) E. Hanlan (W. Ross) + Lawrence River U. S. m. 20 L. + 1884 (22 Mei) E. Hanlan (E. C. Laycock) + Melbourne Nep. m. ½ L. in 22′ 45″ + 1884 (16 Aug.) W. Beach (E. Hanlan) Paramatta m. 6 L. in 20′ 29″ + 1885 (7 Febr.) E. Hanlan (Clifford) Paramatta m. 7 L. + 1885 (28 Maart) W. Beach (E. Hanlan) Paramatta m. 10 L. in 22′ 51″ + 1885 (24 Oct.) J. Teemer (E. Hanlan) Hudson Riv. 22′ 11″ + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +TWEEDE HOOFDSTUK. + +DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN. + + +§ 1. _De Boot._ + +De booten worden in twee hoofdgroepen verdeeld: _outrigged-_ en +_inriggedbooten_. + +Bij ons te lande wordt bijna uitsluitend de laatste soort gebezigd, om +welke reden wij daaraan het meest onze aandacht zullen wijden. + +Daar echter de veranderingen en verbeteringen aan de _outriggedbooten_ +ook op die der tweede soort grooten invloed hebben uitgeoefend, zullen +wij vooraf eene korte beschrijving van _outriggedbooten_ geven. De +snelheid eener boot is afhankelijk van twee hoofdfactoren, n.l. hare +breedte en de lengte van den hefboom des riems. De uitvinding van den +outrigger nu is de eenvoudige oplossing van het probleem: de lengte van +den hefboom onafhankelijk te maken van de breedte der boot, m. a. w. +de boot smaller te kunnen maken, zonder dat het daarbij noodig is den +hefboom te verkorten. ~H. Clasper~ van New-Castle on Tyne heeft in 1841 +deze vraag opgelost door de dollen, in plaats van op het boord, buiten +de boot op een uitstekend ijzeren toestel aan te brengen. + +Naar dit toestel nu, dat den naam _outrigger_ draagt, worden ook de +booten, die er mede voorzien zijn, _outriggers_ genoemd. + +Zij hebben in Amerika en Engeland de oudere bootsoorten op wedstrijden +geheel verdrongen, zijn in Duitschland reeds overal ingevoerd en +beginnen ook in Frankrijk en België het burgerrecht te verkrijgen. +In Nederland is tot nog toe de _single-sculling_ de eenige +vertegenwoordiger van de _outriggers_ op wedstrijden. + +Daar _outriggers_, die voor wedstrijden gebruikt worden, gewoonlijk niet +meer dan een paar centimeter boven het water uitsteken, zijn zij met taf +overdekt, uitgezonderd het gedeelte waarin de roeiers zitten. Dit wordt +door eene kleine verhooging der boorden, het _waschboord_ genaamd, tegen +het binnenslaan der golven beveiligd. + +Bij _inrigged-_ of _rowlockboats_ (_yole-gigs_, _Dollenboote_), bij ons +kortweg _gieken_ geheeten, zijn de dollen niet op outriggers, maar op de +boorden aangebracht. + +De _giek_ is breeder en hooger dan de _outriggers_; breeder, omdat geen +outrigger hierin de lengte van den hefboom onafhankelijk maakt van de +breedte der boot; hooger, omdat zij niet overdekt zijn. Doordat echter +de roeiers niet in het midden der boot, maar tegen de boorden zitten, +kan hierdoor de hefboom weer langer zijn. + +Hoewel, zooals reeds gezegd is, in vele landen op wedstrijden door +den _outrigger_ verdrongen, zal toch ook daar de _giek_ steeds +moeten blijven bestaan voor het oefenen van beginners; want om in een +_outrigger_ te kunnen gaan roeien moet men het tot zekere hoogte in de +kunst gebracht hebben. Bij ons wordt de _giek_ nog altijd op wedstrijden +gebruikt, doch voorzien van allerlei veranderingen en verbeteringen, die +in Engeland in verloop van tijd aan de _outriggers_ werden aangebracht. +Zoo ziet een _racegiek_ (_yole-gig de course_, _Dollenrennboot_), die +men tegenwoordig van fransche of duitsche bootbouwers ontvangt, er +geheel anders uit dan eene echte, oude engelsche _inriggedracingboat_; +de sliding-seat is er in aangebracht, de oude houten dollen zijn door +_swiveling-rowlocks_ vervangen, en deze staan niet meer op het boord, +doch op een naar buiten stekend, op het boord aangebracht stuk hout, +zoodat het eigenlijk geen _inriggers_ meer zijn. En nog worden +er jaarlijks nieuwe veranderingen in aangebracht en worden onze +vereenigingen daardoor jaar op jaar gedwongen zich nieuwe booten aan te +schaffen, zoo zij ten minste op wedstrijden niet door haar materiaal +aan de tegenpartij een voordeel willen verschaffen; en de bootbouwers +wrijven zich de handen van plezier en worden steeds scherpzinniger in +het uitvinden van „_innovations_“; want elke nieuwigheid heeft nieuwe +bestellingen tengevolge. + +Hiertegenover staat, dat wij, de _outriggers_ op onze wedstrijden +invoerende, onze vereenigingen vele kosten zouden besparen, daar het +model van een _outrigger_ niet telkens verandert. + +Maar het grootste voordeel zou zijn, dat wij ook met de Engelschen, tot +dusver de eersten onder de amateurs, onze krachten zouden kunnen meten, +terwijl wij nu met onze _gieken_ op het vasteland kunnen blijven. + +Waarom niet flink en doortastend terstond de _outriggers_ ingevoerd in +plaats van krampachtig aan onze _inriggers_ vast te houden, die toch +eigenlijk geen _inriggers_ meer zijn? + +Wij stellen met onze hybridische _gieken_ nog ééns de uitvinding van den +_outrigger_ voor. + +Immers men verhaalt, dat ook de eerste _outrigger_ slechts een houten +toestel was om de dollen naar buiten te brengen, en dat ~Clasper~ hierop +het denkbeeld heeft opgevat om dit toestel te verlengen en uit ijzeren +stangen te vervaardigen. En dat was in 1841! + +Ook bij onze naburen, de Belgen, is de _outrigger_ zeer koel ontvangen +en slechts op enkele „_courses pour embarcations de construction libre_“ +verschenen. Toch vindt hij daar ijverige verdedigers, getuige het +jaarverslag over 1885 van de _Cercle des Régates_ te Brussel, waarin men +leest: „Depuis longtemps les sociétés des pays voisins nous ont devancés +dans cette voie, et il est réellement fâcheux qu'en Belgique certains +cercles persistent dans leurs anciens errements.“ + +Zoowel _outriggers_ als _inriggers_ ontvangen naar het aantal roeiers, +waarvoor zij bestemd zijn, hun naam. Zoo heet eene boot voor 8, 6, 4 +of 2 roeiers een _achtriems_ (_eight-oar_, _gig à huit rameurs_, +_Achtriemer_), _zesriems_, _vierriems_ of _tweeriems_ (_pair-oar_). + +Wanneer de roeier slechts één riem hanteert, zoo heet deze _oar_ +(_aviron de pointe_); roeit hij echter met twee riemen, dan worden deze +_sculls_ (_avirons de couple_) genoemd, de roeier is dan een _sculler_ +en de boot een _scullingboat_. + +Een boot, die slechts voor één roeier bestemd is, heet daarom +_single-scullingboat_. + +Ook komen wel booten voor, die voor meerdere scullers zijn ingericht. + +Booten, die door meerdere roeiers worden voortbewogen, hebben gewoonlijk +een stuurman. + +In Amerika en Engeland worden echter _vierriemsoutriggers_ meestal—en +_tweeriemsoutriggers_ (_pairoars_) altijd door een der roeiers gestuurd. + +De tegenwoordige _single sculling outrigger_, waarin alom om het +„_championship_“ geroeid wordt, draagt in België en Frankrijk algemeen +den naam van _skiff_, waaronder vroeger een geheel ander vaartuig werd +verstaan. Toen was het een korte, zware en wijde boot, die eenigszins +het model van eene _wherry_ had. + +De _wherry_ was vóór twintig jaren de meest voorkomende boot op de +Thames. Zij gelijkt op een _giek_, maar is zwaarder en korter, terwijl +de boorden, in plaats van over de geheele lengte dezelfde hoogte te +hebben, op de plaatsen, waar de dollen zijn aangebracht, oploopen. Zij +is meestal overnaadsch en dient voor het maken van tochten, zoodat zij +dikwijls ook voor zeilen is ingericht. + + +§ 2. _Onderdeelen der Boot._ + +Wanneer men zich in eene boot gezeten denkt met het gelaat naar den +voorsteven, evenals de stuurman, dan heet de linkerzijde _bakboord_ +(_port_ of _larboard_, _babord_, _Backbord_)—de rechterzijde +_stuurboord_ (_starboard_, _tribord_, _Steuerbord_). + +Het voorste gedeelte tot aan den eersten roeier wordt de _boeg_ (_bow_, +_Bug_)—het achterste tot aan den stuurman de _achtersteven_ (_stern_) +genoemd; het overige heet _midships_. + +Tot de onderdeelen overgaande hebben wij vooreerst: de _kiel_ (_the +keel_), die bij zware booten aan den binnen- en buitenkant—doch bij +racebooten alleen aan den binnenkant zichtbaar is. Zij vormt geen rechte +lijn, maar is aan de beide uiteinden eenigszins opwaarts gebogen en is +dus als 't ware de ruggegraat der boot. + +Aan beide zijden van de kiel zijn de _ribben_ (_the ribs_, _timbers_ of +_lands_, _die Rippen_) bevestigd. Het is van groot belang, dat de ribben +stevig met de kiel verbonden zijn, daar zij het beloop der zijwanden +aangeven. + +De _waterlijn_ is de streep, die het water op de zijden der boot +afteekent, wanneer deze bemand op het water ligt. Daar elke boot ééne +bepaalde ligging op het water heeft, waarbij zij het snelst loopen kan, +is het groot geheim der kunst juist in het vaststellen dier lijn +gelegen. + +Het lichaam zelf der boot bestaat uit lange, smalle, over elkander +sluitende planken, die tegen de ribben genageld zijn. Zulke booten +heeten _overnaadsche-_ of _klinkerbooten_. + +Bij _lichte_ of _gladde booten_, die op wedstrijden gebruikt worden, is +het lichaam uit lange, breede en zeer dunne bladen hout samengesteld. +Deze zijn door stoom gebogen en sluiten zóó dicht tegen elkander, dat +het geheele uitwendige eene gladde oppervlakte vertoont. + +Deze laatste soort wordt gewoonlijk van amerikaansch cederhout +vervaardigd, terwijl de overnaadsche booten meestal van eiken- of +mahoniehout zijn gemaakt en voor oefen- of pleiziervaartuigen dienen. + +Racebooten worden tegenwoordig zóó gemaakt, dat zij in twee of drie +stukken kunnen worden uit elkander genomen, hetgeen vooral voor het +vervoer zeer gemakkelijk is en vele kosten bespaart. De Franschen noemen +zulk eene boot _démontable_, de Duitschers _zusammenlegbar_. + +In Amerika worden racebooten in de laatste jaren ook van papier +vervaardigd; zij moeten ten opzichte van lichtheid, gemakkelijke +reparatie, groote hechtheid, enz. vele voordeelen aanbieden. Door lang +in het water te liggen zal de papieren substantie, al is deze ook nog +zoo hard gemaakt, naar onze meening, echter noodzakelijk water inzuigen. +In Europa zijn zij nog slechts weinig in gebruik om de eenvoudige reden, +dat de Amerikanen de bewerking geheim houden. Al heeft men er dus de +hooge transportkosten voor over om hier zulk eene boot te bezitten, zoo +moet men haar toch bij elke averij in Amerika laten herstellen. + +_Boeg_ (_stem_, _Bug_) heet het voorste gedeelte der boot, dat het water +doorsnijdt, terwijl het achterstuk, waaraan het roer bevestigd wordt, +_achtersteven_ (_stern_ of _afterpart_, _Hintersteven_)—en bij booten, +waarbij dit deel niet scherp uitloopt, maar een klein plat vlak vormt, +_hek_ (_transom_, _Heck_) wordt genoemd. + +De _loopplanken_ liggen altijd los op den bodem der boot om er bij het +schoonmaken te kunnen worden uitgenomen. + +De _spoorplank_ of het _voetbord_ (_stretcher_, _la barre de pied_, +_Stemmbrett_), waartegen men bij het roeien de voeten plaatst, kan +naar gelang van de lengte der beenen verplaatst worden. Hierop is de +_voetriem_ bevestigd, die de voeten van den roeier omsloten houdt en +deze daardoor in de voor- en achterwaartsche bewegingen ondersteunt. +Het is noodzakelijk voor de regelmatigheid dezer bewegingen, dat beide +voeten in voetriemen steken, daar de roeier, zoo slechts één der voeten +door een riem is omvat, na het einde van den slag alle kracht bij het +naar voren komen op die zijde van het lichaam overbrengt. + +_Dollen_ (_rowlocks_, _dames_, _Dullen_) zijn de houten of metalen +pennen, waartusschen de riem bij het roeien ligt. Zij zijn bij +_inriggers_ op de boorden—bij _outriggers_ op de _outriggers_ +aangebracht. De een, waartegen de riem bij het trekken drukt, heet de +_trekdol_ (_thowl_, _dame d'arrêt_, _Ruderpflock_), de ander, die bij +het strijken dienst doet, de _strijkdol_ (_stopper_ of _after-thowl_, +_dame de retour_, _Streichpflock_). + +Het houtje, dat tusschen de beide dollen ligt en waarop de riem rust, +heet het _scheerhout_ of _vulhout_ (_filling_, _Dullenlager_ of +_Fütterung_). + +Sedert eenige jaren is men in Amerika op de gedachte gekomen om +beweegbare dollen op scullingbooten te plaatsen. + +[Illustratie: Fig. 1.] + +Het is eene uitvinding, die op het invoeren der sliding-seat +noodzakelijk volgen moest. Terwijl immers hierdoor de roeier werd in +staat gesteld om de sculls veel verder naar voren en achteren te brengen +dan op vaste banken, moesten ook de dollen verder van elkander worden +geplaatst. Dit nu was nadeelig, 1e door de grootere speelruimte, +welke de scull daardoor tusschen de dollen kreeg, en door de daaruit +voortvloeiende onvastheid, en 2e door de grootere wrijving. + +Deze beide bezwaren nu worden door de _draaidollen_ (_swivel rowlocks_) +opgeheven, daar de roeier hierbij zóóver met zijne sculls reiken kan, +als hij zelf maar wil. + +Van deze draaidollen bestaan tegenwoordig alweer tallooze soorten. Ook +de fransche bootbouwers brengen ze op inriggers aan. Voor een der beste +soorten geldt de „_Davis swivel rowlock_“, waarvan ook ~Hanlan~ zich +steeds bediend heeft. (zie fig. 1). + +De _riem_ (_oar_ of _scull_, _aviron_ of _rame_, _Ruder_ of _Riem_) +bestaat uit vier deelen: het _handvat_ (_handle_, _le manche_, _la +poignée_, _Griffe_), het _binneneind_ (_loom_, _Innenhebel_), het +_buiteneind_ (_shank_ of _small_, _Aussenhebel_) en het _blad_ (_blade_, +_pelle_, _Blatt_). + +Op de plaats, waar de riem in de dollen rust, is hij over eene lengte +van 15 cM. met leder bekleed om de wrijving te verminderen; en hierop is +het _stootleêr_ (_stop_, _Pflock_ of _Knopf_) aangebracht, dat het +uitglijden uit de dollen verhindert. + +Dit stootleer werd gewoonlijk met drie lange draadnagels aan den riem +vastgemaakt, waardoor deze op die plaats zeer verzwakt werd. In de +meeste gevallen, dat riemen werden stukgetrokken, geschiedde dat op die +plaats. Nu heeft een Engelschman ~Young~ in 1885 een middel uitgevonden +om het stootleer zonder spijkers aan den riem te bevestigen, en op zijne +uitvinding patent aangevraagd. De door roeiers uit Londen, Oxford en +Cambridge genomene proeven hebben uitstekend voldaan. + +Ook in de riemen heeft de Amerikaan ~Davis~ in den laatsten tijd eene +verbetering aangebracht. De as der bladen van de door hem vervaardigde +riemen valt niet in het verlengde van den steel, maar vormt hiermede een +hoek, zoodat bij het roeien de bovenkant van het blad evenwijdig is aan +de wateroppervlakte, hoewel de steel van den riem met het watervlak +natuurlijk een stompen hoek maakt. + +Onderstaande figuur geeft een scull te zien, zooals die onder den trek +in het water staat. + +[Illustratie: Fig. 2.] + +De proeven, die de berlijnsche bootbouwer ~Rettig~ in 1885 met holle +riemen heeft genomen, zijn niet bevredigend uitgevallen. + +Het _roer_ (_the rudder_, _la barre_, _das Steuer_), dat met de roerpen +aan den achtersteven wordt verbonden, bestaat uit het blad, en het juk, +aan welks uiteinden de _stuurlijnen_ (_yokelines_, _fils_, +_Steuerleinen_) verbonden zijn. + +De _vanglijn_ (_painter_ of soms _headfast_) is het touw, waarmede de +boot wordt vastgelegd. + +De zitplaatsen blijven ons nog ter bespreking over. + +De zitplaats van den stuurman, stuurbank genoemd, wordt tegenwoordig +aldus in de boot aangebracht, dat men dien naar gelang van het gewicht +van den stuurman kan verplaatsen. + +De _roeibanken_ (_thwarts_, _bancs de nage_, _Ruderbänke_) staan dwars +op de boot en zijn door middel van kniehoutjes aan de boorden bevestigd. + +Gewoonlijk zit de roeier op een aan den bank vastgebonden matje of +kussen om het afglijden en dóórroeien tegen te gaan. Op wedstrijden +echter lieten de roeiers die kussens weg en gleden op hunne banken +heen en weder om den slag langer te kunnen maken; om deze beweging +te vergemakkelijken werd de zitplaats wel met zeep of vet bestreken, +waarover de roeier dan met eene met leder bekleede broek heen en weer +schoof. + +Bij het scullen was deze methode ongetwijfeld voordeelig; doch bij het +roeien, waarbij 6 à 10 slagen per minuut méér worden gemaakt, woog het +voordeel van den langeren slag niet op tegen de buitengewone inspanning +der beenen. + +Zoo was de beroemde ploeg van Renforth gewoon op vaste banken te +glijden, wanneer zij op een korten afstand alle krachten aanwendden +(_to make a spurt_, _faire un enlevage_), doch op lange afstanden konden +zij zulks niet volhouden. Ook de vierriemsploeg „~John-o' Gaunt~“ van +Lancaster, die in 1870 aan de Henley deelnam, gleed over vaste banken, +en verkreeg op eene korte baan eene groote snelheid; maar de beenen +werden te zeer ingespannen, dan dat zij het lang vermochten vol te +houden. + +Zonderling, dat roeiers, die toch inzagen, dat het gebrekkige in dit +glijden voortkwam uit de wrijving van het lichaam op den bank, niet op +de gedachte kwamen de beweging te vereenvoudigen door den bank tegelijk +met het lichaam te laten glijden. Aan een Amerikaan is de theoretische +toepassing van dit principe te danken. Maar de amerikaansche roeiers, +hoewel schrander genoeg om in te zien dat, zoo het lichaam over den +bank moest glijden, deze beweging gemakkelijker werd door op een +afzonderlijk bankje over den eigenlijken bank heen en weer te gaan, +stelden deze uitvinding niet genoeg op prijs; hetgeen wel hieraan wordt +toegeschreven, dat de Amerikanen in dien tijd bij het roeien bijna allen +hunne armen en schouders gebruiken, zonder aan het gebruik der been- en +lendespieren gewicht te hechten. + +Een ploeg uit het noorden van Engeland, die destijds in Amerika +vertoefde en daar de oplossing van het probleem zag, bracht het +bij haar terugkomst in praktijk; en het groote nut der _glijbanken_ +(_sliding-seats_, _bancs à coulisse_, _Gleitsitze_) bleek op den +wedstrijd voor vierriemsgieken in Nov. 1871 op de Tyne. ~J. Taylor~ +namelijk had zijne ploeg overgehaald tot het beproeven der nieuwe +methode en dit tot den dag van den wedstrijd zorgvuldig geheim gehouden. +Het resultaat was verrassend, want de tegenpartij, de ploeg van +~Chambers~, werd met gemak verslagen. + +Twee wedstrijden in sculling, in de daaropvolgende lente op de Thames +gehouden, deden het voordeel der glijbanken nog meer uitkomen. + +Zonderling is het verder, dat de Amerikanen, de eigenlijke uitvinders +der glijbanken, nalieten er zich van te bedienen, en, terwijl zij +zelven in hunne methode van roeien de beenen niet gebruikten, aan hunne +mededingers, de Engelschen, door hunne uitvinding de beste wijze aan de +hand gaven om het meeste voordeel van de beenspieren te trekken. + +Bekend is de overwinning van de _London Rowing-club_ op de _Club +Atalanta_ van New-York, waarbij eerstgenoemde de glijbanken gebruikte. +Hoewel toen de Engelschen, zoowel door meerdere physieke kracht als door +hun beteren stijl, ook zonder dat voordeel de overwinning zouden hebben +behaald, zoo was toch de _sliding-seat_ in de engelsche boot voor een +groot gedeelte de oorzaak van de smadelijke nederlaag der Amerikanen. +Maar juist de overtuiging, dat de Engelschen toch verreweg de baas +waren, hield de oppositie tegen de nieuwigheid bij de roeiers van het +oude stelsel nog levendig. Want de schoone stijl (zoo redeneerden zij) +gaat er door verloren, al moge men dan ook iets in snelheid winnen. + +Mettertijd echter ging men inzien, dat de schoone stijl zeer goed te +vereenigen was met het roeien op _sliding-seats_, en dat, al valt het +niet te ontkennen dat voorbeelden van goeden stijl minder talrijk zijn +dan in den tijd van de vaste banken, deze toch langzamerhand terugkeert. + +En naarmate men het juiste gebruik der _sliding-seat_ beter zal leeren +kennen, zullen alle roeiliefhebbers zich niet over het bederf van den +stijl hebben te beklagen, doch zich verheugen over eene uitvinding, die +alle lichaamsdeelen tot hun recht laat komen en het roeien tot een der +volledigste lichaamsoefeningen maakt. + +In den laatsten tijd tracht men ook in de _sliding-seat_ weer +verbeteringen te brengen door de banken over wieltjes te laten +rollen. Daar men het over de zaak nog niet eens is, verwijzen wij +belangstellenden naar de no. 24 en 25 van de _Wassersport_ van 1885, +waarin de kwestie door ~Dr. Schiller~ in met teekeningen opgeluisterde +opstellen wetenschappelijk behandeld wordt; en naar no. 42, waar zij +door ~R. Rochow~ meer uit een praktisch oogpunt wordt besproken. + +Nog van eene andere uitvinding der Amerikanen moeten wij melding maken, +n.l. het _windzeil_ voor scullers. Ieder sculler weet bij ondervinding, +hoe lastig het is om bij zijwind koers te houden, daar de boot steeds +neiging heeft met den boeg tegen den wind in te loopen; hierdoor is men +dan genoodzaakt met den arm aan de windzijde bijna alléén te roeien, +zoodat deze daardoor bovenmatig ingespannen en vroegtijdig vermoeid +wordt. + +Verschillende middelen werden daartegen reeds beproefd, o. a. heeft men +een gewicht van een kilo aan het achtereind der boot gehangen, onder aan +de kiel een zwaard aangebracht: alles tevergeefs. + +Door het eerste middel namelijk lag de boot van achteren te diep en stak +met den boeg in de lucht, door het tweede werd het draaien zoo goed als +onmogelijk. + +Eerst het _windzeil_ heeft de kwaal geheel verholpen. Het bestaat uit +een dun blad hout, dat loodrecht op den boeg wordt geplaatst en aan +elken zijwind is blootgesteld. De wind draait dan, door den druk op het +zeil, den boeg zoover van zich af als de neiging der boot is om in den +wind op te loopen, zoodat de boot haren rechten koers behoudt en de +roeier beide armen gelijkelijk kan gebruiken, hetzij hij bij windstilte +of bij sterken zijwind vaart. + +De beide volgende afbeeldingen van verschillend gevormde windzeilen, +ontleend aan de „_Spirit of the Times_,“ zijn geplaatst op booten van de +_New-York Athletic-Club_. + +[Illustratie: Fig. 3.] + +[Illustratie: Fig. 4.] + + * * * * * + +Na alzoo de boot en hare onderdeelen te hebben besproken, rest ons nog +het een en ander over de vervaardigers ervan te zeggen. + +Om dan met ons land te beginnen, kunnen wij de ~Gebr. van Heemstede Obelt~ +te Amsterdam noemen, die vooral in de laatste jaren in het bouwen van +racegieken zijn vooruitgegaan, getuige de overwinningen der R. V. +_Fortuna_ in gieken van die firma behaald. + +Hunne booten zijn gewoonlijk zwaarder dan de fransche en engelsche, en +dit is zeker de reden, waarom de nederlandsche roeivereenigingen hunne +gieken meestal uit den vreemde laten komen. + +In het vorige jaar hebben zich ook te Rotterdam ~Deichmann~ en ~Ritchie~, +die vroeger bij ~Rettig~ te Berlijn werkzaam waren, nedergezet en zich +reeds een goeden naam verworven met booten voor berlijnsche clubs en +voor de _Deutsche Turn- und Ruder-Verein_ te Rotterdam. + +De duitsche fabriekanten zijn ons onbekend, hoewel er in de laatste +jaren aldaar velen zijn verrezen. + +Wij laten onze inriggers voor verreweg het grootste gedeelte uit +Frankrijk komen, hetzij van ~Louis Dossunet~ te Joinville-le-Pont +(à l'Ecluse) Seine of van ~Tellier~, Quai de la Rapée, Paris. + +Bij ~Dossunet~ schijnt men zich wel het best te bevinden, daar alle +nederlandsche ploegen, die de laatste jaren in België, waar men algemeen +aan booten van ~Tellier~ de voorkeur geeft, overwinningen hebben behaald, +deze lauweren in booten uit ~Dossunet~'s werkplaats hebben weggedragen. +Ook zijn zijne booten veel billijker in prijs. De Stud. R. V. _Njord_ +toch ontving in 1883 van hem een tweeriemsracegiek van 700 francs en in +het volgend jaar een dito van ~Tellier~ voor 900 francs. + +Inriggers uit Engeland te laten komen is niet aan te raden, daar men +zich daar niet meer bedient van de bootsoort, die bij ons op wedstrijden +gebruikt wordt. Zoo hebben wij van ~Clasper~ te Oxford in 1881 een +vierriems- en in 1882 een zesriemsracegiek (beide inrigged) gezien, die +zóó slap waren, dat men bij het uit- en indragen bang was, dat ze inéén +zouden zakken. + +Voor losse riemen zijn ~E. Ayling~, oar and scullmaker, Vauxhall, London +S. E., alsmede ~Norris~, York, Wandsworth aan te bevelen, die zonder +prijsverhooging bij ~Deichmann~ en ~Ritchie~ te verkrijgen zijn. + +Voor outriggers, die door de genoemde fransche firmas trouwens ook +vervaardigd worden, worden gewoonlijk genomen ~J. H. Clasper~ in Oxford; +~Searle & Sons~, London, ~S. E. Stangate~, Lambeth; en ~R. Simmons & Sons~ +in Putney. Bij ~Messum & Sons~ te Richmond bevonden wij ons vroeger zeer +goed wat betreft booten met vaste banken. + + * * * * * + +De duurzaamheid eener boot hangt grootendeels af van de wijze van +behandeling, vooral lichte racebooten kunnen door vele geforceerde +wendingen in korten tijd worden tegronde gericht. + +Allereerst is het noodig, dat zij in een goed gesloten _giekenloods_ +(_boathouse_, _garage_, _Boothaus_) tegen weer en wind beschut zijn. +Verder moeten zij aldus gelegd worden, dat zij door slechte ligging niet +haren vorm kunnen verliezen. Zoo moet men eene boot nooit op de beide +uiteinden laten rusten, daar zij dan in 't midden zal uitzakken, doch +liefst op 3 of 4 dwarsbalken of bokken leggen, zóódat zij op alle +gelijkelijk steunt. + +Gedekte booten worden liefst in zeilen opgehangen. + +Een boot moet steeds goed gevernist zijn om het hout tegen slechte +invloeden van weer en temperatuur te beschutten. Ook is het goed lichte +booten van tijd tot tijd met vet in te wrijven, daar dit zoowel het +vernis spaart als het hout tegen scheuren beschut, die door invloeden +van water en hitte kunnen ontstaan. + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +DERDE HOOFDSTUK. + +HET ROEIEN. + + +§ 1. _Algemeene opmerkingen._ + +Geen lichaamsbeweging is er bijna, die zoozeer aanspraak kan maken op +de goede eigenschap van 't aangename aan 't nuttige te verbinden, als +'t roeien. Wat is heerlijker dan op een schoonen zomeravond over den +gladden waterspiegel heen te glijden, en na een snikheeten Julidag te +luisteren naar het geplas der riemen in het frissche water? Wat is +gezelliger dan een roeitochtje, waarbij men onder eene frissche, gezonde +beweging nieuwe streken doortrekt, vreemde dorpen en steden bezoekt? + +Groot is daarom 't aantal van hen, die in eene boot hebben plaats +genomen om dat genoegen te smaken, en die op dien grond beweren te +kunnen roeien. Hoe weinigen zijn er echter onder hen, die beseffen hoe +ingewikkeld en moeilijk deze lichaamsbeweging is, wanneer men er zich op +toelegt om haar correct uit te voeren, wanneer men haar als een sport +beschouwt! + +Het is waar, 't is het lot van de meeste lichaamsbewegingen om aldus +behandeld te worden. De overgroote meerderheid stelt zich al heel +spoedig tevreden, en getroost zich de moeite niet om haar in den grond +te leeren. Maar het sterkst doet zich dit voor bij 't roeien. + +Wil men leeren paardrijden, men neemt dan ten minste toch eenige lessen; +gaat men leeren schaatsenrijden, de moeielijkheden doen zich dan vaak in +'t begin pijnlijk gevoelen; zoo is 't ook met 't schermen, 't zwemmen en +zoo vele andere lichaamsoefeningen. + +Maar met 't roeien? Wel, men gaat met een vriend, die evenmin ooit +een riem in zijne handen heeft gehad, in eene tweeriemsboot zitten; de +eerste slagen gaan dan wel minder goed, maar spoedig toch begint het er +wat meer naar te gelijken, de riemen komen wat meer gelijk in 't water, +en heeft men bovendien leeren scheren, dan kan men roeien. Zoo is men in +twee middagen een roeier. + +Wij behoeven zeker niet te zeggen, hoe dwaas het is dit te meenen; maar +toch met hoeveel menschen gaat het niet op deze wijze! + +Het roeien is schijnbaar een zeer gemakkelijke beweging, omdat het zoo +weinig moeite kost een vaartuig over 't water te doen glijden; maar +tracht men met een minimum inspanning de grootst mogelijke snelheid te +verkrijgen, dan eerst wordt het een sport, en wel een edele sport, omdat +het een zeer groot aantal spieren in beweging brengt, en het lichaam +harmonisch ontwikkelt. Het aanleeren van dezen sport, aldus beschouwd, +kost veel moeite en eenigen tijd; en het is vooral zaak al dadelijk +onder leiding te komen en niet te trachten het zich zelf te leeren, want +allicht neemt men fouten aan, die later moeilijk afgeleerd worden. + +Een goede stijl wordt genoemd die methode van roeien, die de grootste +resultaten voortbrengt, d. w. z. die met de minst mogelijke inspanning +de grootst mogelijke snelheid doet verkrijgen. Bij het opsporen naar +deze beste methode heeft men geput uit de kennis der spieren, en uit +de natuurkunde; maar de ervaring, de praktijk is hier de voornaamste +leermeesteres. Het spreekt van zelf, dat deze opsporing niet overal +dezelfde resultaten heeft gegeven. Ook bij 't roeien heeft men +verschillende meeningen, verschillende theoriën. Maar omtrent een groot +aantal punten, omtrent de hoofdzaken is men het ééns. + +Bij 't onderzoek naar de vereischten voor een goeden stijl, heeft men +zich laten leiden door dit beginsel, dat de krachtsinspanning zooveel +mogelijk over het geheele lichaam moet verdeeld worden. + +Gemakkelijk is 't te begrijpen waarom. Werken slechts weinige spieren, +dan drukt 't geheele gewicht van den arbeid op deze, en zij zullen niet +alleen het niet zoo lang volhouden, maar er zal ook lang niet zooveel +kracht ontwikkeld kunnen worden, als wanneer 't werk door een groot +aantal spieren verricht wordt. Verdeeling van den arbeid dus, en wel +naar de juiste maat; elke spier drage bij naar zijne krachten! + +Wij zullen trachten naar ons vermogen uiteen te zetten hoe men een +eerstbeginnende de hoofdbeginselen van 't roeien leert, voor welke +fouten hij zich vooral moet hoeden, en welke eischen men aan een goeden +stijl mag stellen. + +Maar vooraf nog een raad. Laat hij, die wil leeren roeien, eerst +leeren zwemmen, zoo hij deze kunst nog niet verstaat. Want hoewel niet +dikwijls, zoo gebeurt 't toch soms, dat de boot omslaat, en dit gevaar +bestaat vooral in ons land, waar men veel ruw water vindt. Aan hem, +die op 't IJ of op de groote rivieren in ons land roeit, is deze raad +in de eerste plaats gegeven, maar ook aan hem, die door de ligging +van de plaats, waar zijne roeivereeniging gevestigd is, minder in +de gelegenheid verkeert om zich op ruw water te begeven. Er zijn +voorbeelden van 't verdrinken van een groot deel der bemanning door +'t omslaan van de boot. + + +§ 2. _De eerste beginselen van de roeikunst._ + +Om iemand het roeien te leeren, is het raadzaam hem te plaatsen in +eene zware tweeriemsgiek met vaste banken. De onderwijzer gaat op den +stuurbank zitten, als slag neemt een geoefenden roeier plaats in de +boot, terwijl de leerling den boegriem in handen krijgt. Deze methode +heeft het voordeel, dat de leerling tegelijk dat hem de lessen worden +gegeven, de toepassing ervan kan zien; de noodige wenken worden hem +gegeven, de fouten worden hem aangewezen door den stuurman, terwijl hij +een voorbeeld vóór zich heeft in den slag, die hem de verschillende +bewegingen vóórdoet, en dien hij tracht na te volgen. + +Het eerste wat de leerling moet leeren is de _houding_ in de boot. Hij +plaatst zich midden op het aan den bank bevestigd matje. Dit matje moet +op zoodanige wijze om den bank worden gebonden, dat men vlak bij het +boord zit zonder het nochtans met zijn dijen aan te raken. + +De voeten worden stevig tegen het spoorplankje aangedrukt, na ze onder +de voetriemen te hebben geschoven. Daarvoor is het noodig, dat het +spoorplankje niet te ver verwijderd is, maar juist zóóver, dat de +beenen niet geheel gestrekt kunnen worden, en de knieën nog iets gebogen +zijn. Vooral op dit laatste moet de onderwijzer letten, daar ieder +eerstbeginnende de neiging heeft, om het spoorplankje zoover mogelijk +van zich af te zetten, ten einde bij het scheren minder last van zijne +knieën te hebben. Toch is 't noodzakelijk voor een stevigen zit en voor +een veerkrachtigen slag, dat de voeten stevig tegen den spoorplank +aangedrukt worden, hetgeen alleen mogelijk is wanneer de beenen niet +geheel gestrekt zijn. + +De hielen worden tegen elkander gedrukt en de voeten waaiervormig +uitgespreid. De beenen worden evenwijdig met de bootskiel gestrekt. + +Het bovenlijf wordt volkomen rechtop gehouden, beide schouders op +gelijke hoogte, en vooral niet naar één kant overhellend; 't gezicht en +de borst gekeerd naar den achtersteven, met geen der zijden vooruit. + +De borst wordt naar boven gewelfd, en de schouders iets naar beneden +achterwaarts gedrukt, maar zonder overdrijving, zonder zoogenaamden knip +of deuk in den rug. Het doel moet zijn om de longen en het hart zooveel +mogelijk ruim en onbekneld te laten werken, zonder toch eene gewrongen +houding aan te nemen. Hoe meer ongedwongen, hoe vrijer en gemakkelijker +men zit, hoe beter; want daardoor wordt de werking der spieren +zuiverder, en kan er meer kracht ontwikkeld worden. + +[Illustratie: _Verkeerde greep._ Fig. 5.] + +[Illustratie: _Juiste greep._ Fig. 6.] + +Na de houding moet de leerling leeren zijn riem vast te houden. +Onwillekeurig zal hij bij 't roeien wanneer hij eenige kracht wil +zetten, zijn riem stevig omknellen, zelfs knijpen. (Zie fig. 5.) Dit nu +is niets anders dan verspilling van krachten, want daardoor worden de +spieren, nl. die van den benedenarm, gespannen en vermoeid, zonder er +eenig grooter resultaat mede te verkrijgen. De handen moeten slechts +dienen als middel om den riem te verbinden aan het lichaam; hoe losser +dus de riem vastgehouden wordt, hoe beter, en daartoe buige men slechts +de twee uiterste leden der vingers, waardoor er als 't ware een haak +gevormd wordt, die zich om den riem slaat; (zie fig. 6) de duim wordt +onder den riem gehouden en ook slechts met 't uiterste lid er tegen +aangedrukt. De polsgewrichten mogen volstrekt niet naar beneden gebogen +worden, want daardoor worden juist de spieren van den benedenarm +ingespannen, hetgeen van geen nut is, en daarom streng verboden moet +worden. Het doel moet immers zijn geen spier in te spannen, zonder +daaruit eenig aan de krachtsinspanning evenredig resultaat te +verkrijgen. De hand moet dus zóó gehouden worden, dat zij met den +arm één rechte lijn vormt. + +De buitenhand houdt men geheel aan 't einde van den riem, de binnenhand +ongeveer 1 d.M. er van af. Daar men met de buitenhand verder moet +reiken, zoo moet deze nog losser om den riem geslagen zijn dan de +binnenhand. + +Nu gaat de leerling slagklaar liggen, d. i. hij strekt 't lichaam flink +vooruit, zonder nochtans den rug te krommen, of de schouders te veel +naar voren te brengen, waardoor zijn hoofd zich als 't ware daartusschen +verbergt; maar toch moet dit ongedwongen geschieden. Deze houding is +voor den eerstbeginnende zeer lastig te leeren, want hij zal allicht in +één van twee uitersten vervallen, òf zijn rug krommen en de schouders te +veel naar voren brengen, òf stijf blijven zitten en zelfs een deuk, een +holte in zijn rug maken. + +Maar na eenige oefening zal het hem gelukken de middelmaat te vinden, +waarbij hij zijn borst vrij laat zonder zijn spieren geweld aan te +doen. + +De armen worden volkomen gestrekt, 't lichaam evenwijdig met de kiel +naar den achtersteven gericht, niet naar binnen gebogen, en zonder dat +de buitenzijde méér naar voren komt. + +Nu wordt het tijd den leerling de verschillende bewegingen, die +gezamenlijk 't roeien vormen, te leeren. Is hij slagklaar, dan wordt +eerst 't blad van den riem juist verticaal in 't water gelaten, door de +handen even op te lichten. Een punt van groot belang is dat _de stand +van 't blad juist verticaal is_; noch de holle, noch de bolle zijde mag +eenigszins naar boven gekeerd zijn; in 't eerste geval zou 't blad, bij +'t maken van den slag, dadelijk in de diepte verdwijnen, zonder veel +tegenstand van 't water te ondervinden, en dus in een gedeelte van den +slag niet de voortstuwende kracht op de boot uitgeoefend worden, terwijl +het bovendien moeite kost om den riem van uit de diepte weer uit 't +water te brengen; in het tweede geval zou 't blad niet dadelijk geheel +in 't water gaan, maar gedeeltelijk er boven blijven rusten, ja, soms +zal het eerste gedeelte van den slag daardoor in de lucht gemaakt +worden. Opdat het blad zuiver verticaal in 't water gehouden wordt, is +het noodig dat de riem goed gevormd en niet gedraaid, het stootleer +juist aangebracht is, en de trekdol niet scheef achterover staat. Het is +zelfs wenschelijk, dat de afstand tusschen de dollen van boven kleiner +is dan onderaan. + +Ook noodzakelijk is het, dat _niets meer maar ook niets minder dan het +blad onder water wordt gestoken_. Komt een gedeelte van den steel ook +onder water, dan zal grooter moeite ontstaan om den riem uit 't water te +lichten, zonder dat de voortstuwende kracht grooter wordt, want de dunne +steel ondervindt bijna geen weerstand van 't water; laat men echter een +gedeelte van het blad boven water, dan zal de weerstand van 't water +aanmerkelijk kleiner worden en daarmede ook de voortstuwende kracht. + +Nu wordt 't blad van den riem in rechte lijn in horizontale richting +gelijkmatig door 't water getrokken, door met 't lichaam kalm achterover +te zwaaien. _De armen worden daarbij volkomen gestrekt gehouden_, zoodat +de kracht wordt uitgeoefend door de spieren van den rug. Eerst op 't +einde van den slag, wanneer 't lichaam zijn zwaai volbracht heeft, +worden de armen gebogen, en de riem tot aan den buik of de borst +doorgetrokken. Men zorge hierbij steeds den rug niet te krommen, en +op 't einde van den slag zelfs _de schouders achterwaarts neder te +drukken_. _Het blad van den riem wordt_, zooals wij reeds zeiden, +_gedurende den geheelen slag op gelijke hoogte onder het water gehouden +tot op het einde toe_. + +Is de slag gemaakt, dan is 't noodig, ten einde een nieuwen slag te +beginnen, dat 't lichaam opnieuw naar voren gebogen en de armen gestrekt +worden. + +Om de verschillende bewegingen van 't roeien zuiver te leeren maken, is +het noodig, dat ze in het begin langzaam en kalm uitgevoerd worden. Door +ze dadelijk snel en vlug te willen maken, leert men fouten aan. + +Dus men ligt met 't lichaam iets achterover en 't handvat van den riem +tegen den buik of den borst gedrukt. Nu wordt 't blad uit 't water +gelicht door eene kleine drukking van de handen op den riem ('t scheren +moet niet dadelijk geleerd worden, maar eerst nadat de leerling de +bewegingen van 't roeien reeds eenigszins begint te begrijpen, en zich +wat thuis begint te gevoelen in de boot), daarna worden de armen in ééns +gestrekt, en 't lichaam vooruit gebracht. + +Deze tweeledige beweging wordt in de volgende volgorde uitgevoerd: _men +begint de armen te strekken, vóórdat de voorwaartsche beweging van 't +lichaam wordt gemaakt_, en wel omdat: 1º. men veel meer moeite heeft +de beweging te maken met gebogen armen, dan met gestrekte; ten bewijze +hiervan beproeve men een zwaar voorwerp of een persoon weg te duwen +met gebogen armen, en daarna met gestrekte; dan zal men bemerken dat +'t laatste veel minder inspanning kost; 2º. omdat, wanneer de armen +niet dadelijk gestrekt worden, de knieën in den weg zitten, vooral op +sliding-seats; maar ook op vaste banken, omdat ook hier de knieën zich +bij de voorover strekkende beweging van 't lichaam iets opheffen; 3º. +omdat, wanneer de voorwaartsche beweging wordt gemaakt met gebogen +armen, 't lichaam zich noodzakelijk over den riem moet heenbuigen, en de +borst wordt ingetrokken; 4º. omdat anders de voorwaartsche beweging op +'t einde niet langzaam uitloopt, zooals behoort, maar juist op 't laatst +de grootste snelheid verkrijgt, zoodat zij met een schok moet eindigen. + +Wanneer deze beweging is volbracht, laat men het blad van den riem weer +dadelijk in 't water, zooals hierboven is aangeduid, en begint op 't +zelfde oogenblik te trekken, niet met een ruk, _maar toch met kracht, +en met evenveel kracht trekt men den geheelen slag door_. + +Zoo maakt 't lichaam een slingerende beweging, evenwijdig met de +kiel van de boot, zonder bij 't einde van den voorwaartschen of +achterwaartschen zwaai te rusten. Zoodra de slag geëindigd is, wordt de +riem in één beweging uit 't water gelicht en naar achteren gebracht, en +ook zoodra hij zijn vlucht boven 't water volbracht heeft, weer dadelijk +in één beweging ondergedompeld en door het water heengehaald. _Er +mag geen stilstand in de beweging van den riem zichtbaar zijn, ja, +schijnbaar moet alles in één onafgebroken loop doorgaan._ + +Eerst na de eerste lessen komt 't _scheren_ aan de beurt. Dit is het +naar achteren zwaaien van den riem met 't blad in horizontale houding. +De moeilijkheid bestaat in 't platdraaien van 't blad. Dit moet op de +volgende wijze geschieden: Nadat de slag geheel volbracht is, brengt men +eerst eene drukking met de vingers op 't handvat van den riem teweeg, +en vlak daarna drukt men er den palm van de hand tegen, waardoor de +riem van zelf omgedraaid wordt en tegelijk het blad zijn vlucht over +het water begint. Dit moet noodzakelijk in de aangegeven volgorde +geschieden. Drukt men eerst den palm van de hand tegen den riem, dan zal +'t blad zich noodwendig onder water omkeeren, en men „vangt een snoek.“ +Worden beide bewegingen tegelijk uitgevoerd, dan zal de onderkant van +het blad nog even de gelegenheid hebben wat water mede te nemen en door +de omdraaiende beweging een straaltje in de hoogte te werpen. Dit +laatste is niet zoo gemakkelijk te vermijden, en zelfs oudere en meer +geoefende roeiers ziet men het dikwijls doen. + +Men moet deze fout echter wel onderscheiden van eene andere veel +grootere fout, n.l. het naar achter weg werpen van water. Terwijl het +eerste een gevolg is van incorrect platdraaien van 't blad van den riem, +is het laatste 't gevolg van een geheel verkeerde houding van den riem +gedurende 't laatste gedeelte van den slag. Het blad van den riem wordt +dan gedurende den slag reeds een weinig omgedraaid, zoo dat het niet +geheel verticaal meer is, daarbij worden de handen niet in één rechten +lijn naar den borst getrokken, maar in een boog naar beneden gedrukt. +Zoo wordt met 't blad van den riem een kolom water mede opgelicht, +en door 't laatste gedeelte van den slag weggeworpen. Dat dit tot +de grootste fouten in 't roeien behoort, is duidelijk, want door 't +naar beneden drukken van den riem worden krachten aangewend niet in +horizontale richting, maar om de boot in 't water neer te drukken; +bovendien gaat 't laatste gedeelte (hoe klein ook) van den slag in de +lucht verloren. Nadat de leerling eenigen tijd op vaste banken heeft +geroeid, en hij zich aangewend heeft bij het begin van den slag zijn +lichaam flink vooruit te strekken, en bij het einde goed achterover te +vallen, en de slingerende beweging van het bovenlijf zonder schokken of +stooten uit te voeren, dan wordt het eerst tijd hem op sliding-seats te +doen plaats nemen. Hier wordt de beweging meer gecompliceerd, daar nu +de werking der beenen grooter is dan op vaste banken. Telkens wanneer +de slag geëindigd is en 't lichaam vooruitgestrekt wordt, moet ook 't +bankje naar voren gebracht worden. Dit laatste mag echter volstrekt niet +met geweld gedaan worden. Door de voorwaartsche strekking van armen en +lichaam wordt de stoot gegeven, waardoor 't bankje als 't ware van zelf +naar voren glijdt. Daarmee willen wij niet zeggen, dat 't vooruitbrengen +van 't lichaam met een schok moet geschieden, maar _eerst armen en +bovenlijf, en dan volgt de sliding-seat gemakkelijk en als van zelf_. +Doet men dit niet op deze wijze, dan zullen de spieren, die langs het +scheenbeen loopen, spoedig vermoeid worden, en de boot zal eene +stootende beweging verkrijgen. + +Op 't oogenblik dat 't bankje naar voren is gebracht, moet ook 't +lichaam voorover gestrekt zijn, en op datzelfde oogenblik wordt het blad +weer in 't water gestoken en een nieuwe slag begonnen. Op de wijze, +waarop men met de beenen de sliding-seat naar achteren afzet, in verband +met de achteroverstrekkende beweging van 't lichaam, komen wij later +terug. Eerstbeginnenden is het vooral zaak op het hart te drukken, +ook hierbij _geen rukken of stooten te geven, maar gelijkmatig en +veerkrachtig alle bewegingen van 't roeien uit te voeren_. + +Wij gelooven dat het, om 't juist gebruik van de sliding te leeren, den +beginner aan te raden is om in 't eerst niet de geheele lengte ervan af +te loopen, maar langzamerhand telkens een grooter stuk ervan te +gebruiken. + + * * * * * + +Wij behoeven bijna niet te zeggen, dat het van 't grootste gewicht is, +dat de leden van een ploeg _goed maat houden_, dat zij allen op 't +zelfde oogenblik hun riem in 't water steken en kracht zetten, en ook +op 't zelfde tijdstip hem er weer uit lichten en beginnen te scheren. +Wordt dit niet gedaan, dan zal 't totaal van de uitgeoefende kracht +versnipperd worden, en de boot nu eens naar bakboord- dan weer +naar stuurboordzijde overgetrokken worden, terwijl bovendien eene +schommelende beweging van de boot, 't gevolg van ongelijk roeien, niet +alleen lastig is voor de roeiers, maar ook eene wrijving veroorzaakt met +'t water, die den gang van de boot tegenhoudt. + + * * * * * + +In dit hoofdstuk hebben wij gesproken van het „_snoek vangen_.“ Dit +gebeurt òf wanneer men den riem na 't eindigen van den slag niet tijdig +uit 't water kan lichten, òf wanneer men bij 't scheren, in plaats van +'t blad over de oppervlakte van 't water te laten gaan, het ontijdig in +zijne platgedraaide houding weer in 't water doet vliegen. Het eerste +geval komt voor, wanneer de riem niet verticaal, maar scheef in 't water +wordt gestoken, zoodat hij in de diepte verdwijnt; of wanneer men 't +blad platdraait, vóórdat het uit 't water is gelicht. In beide gevallen +zal de boot een schok krijgen, en zoo de riem niet dadelijk uit de +dollen wordt gelicht, zullen deze noodwendig moeten breken. Daarom, +roeier, wanneer 't ongeluk van een snoek te vangen u overkomt, hef dan +dadelijk 't handvat van den riem met beide handen op, zoodat hij uit +de dollen gelicht wordt, en door den vaart over 't water langs den +achtersteven van de boot komt te glijden. Dadelijk daarna wordt 't +blad van den riem op 't water rustende met eenige kracht naar achteren +geslingerd, en op deze wijze wordt het met leer bedekte gedeelte weer in +de dollen gebracht. + +Na de beginselen van 't roeien leert men met de boot te manoevreeren. +Plotseling kan zich iets voor den boeg opdoen, dat de stuurman eerst +laat ontdekt; dan is 't zaak de boot dadelijk tot stilstand te brengen, +ten einde eene botsing te voorkomen. Of men heeft zich in een nauw +vaarwater begeven, waarin 't wenden onmogelijk is, en de weg wordt +versperd. In het eerste geval moet men kunnen _stoppen_, in het tweede +_strijken_. + +Het stoppen geschiedt aldus: met gestrekte armen en 't lichaam iets +voorover gestrekt brenge men 't blad van den riem bijna horizontaal, +maar met de holle zijde iets naar den boeg gericht, in 't water, en +draaie dan langzamerhand den riem om, totdat de holle zijde geheel naar +den voorsteven gekeerd is. Daarbij zorge men echter niet op het handvat +van den riem te drukken, want daardoor wordt het boord naar beneden +gedrukt. + +De bewegingen van het strijken zijn juist de tegenovergestelde van die +van het ophalen of trekken. Achterover zittende brenge men den riem, met +de holle zijde van 't blad naar den boeg gekeerd, in 't water, strekke +de armen en bewege 't lichaam voorwaarts, zoodat het blad door 't water +geduwd wordt; na 't einde van den slag drukke men den riem iets neer +en draaie hem plat, schere het blad over 't water door 't lichaam +achteruit te brengen en de handen tegen de borst te trekken, en beginne +een nieuwen slag. Ook deze beweging geschiedt gelijkmatig, terwijl +slechts 't blad van den riem onder water mag gehouden worden. Bij 't +wenden, wanneer het ééne boord ophaalt en het andere strijkt, moeten +ook de riemen gelijktijdig in 't water komen, en daarbij richten zich +de strijkende roeiers naar de trekkende. + + +§ 3. _Nadere behandeling van sommige punten._ + +Wij stellen ons voor eenige momenten in de beweging van 't roeien +uitvoeriger te bespreken, enkele, omdat daaraan veel gewicht moet +gehecht worden, andere, omdat daarin de meeste fouten voorkomen, weer +andere, omdat daaromtrent de meeningen zeer uiteenloopen. + +De correcte uitvoering van de bewegingen is dáárom niet alleen +wenschelijk, omdat 't begaan van een fout ten gevolge heeft verspilling +van krachten of verkeerde krachtsaanwending, maar ook omdat één fout +gewoonlijk andere na zich sleept. Het scheef inzetten b.v. van het blad +van den riem maakt niet alleen dat het eerste deel van den slag verloren +gaat, maar bovendien wordt het lastiger den riem van uit de diepte weer +uit 't water te lichten, en dit belemmert de snelle voortwaartsche +beweging van 't lichaam; de roeier komt daardoor uit de maat, en om +gelijk te blijven is hij genoodzaakt zijn lichaam minder voorover te +strekken en dus zijn slag korter te maken. + +Indien het blad van den riem niet gedurende den geheelen slag onder +water gehouden wordt, maar bij het einde half uit 't water gelicht, dan +zal niet alleen de op de boot werkende voortstuwende kracht verminderd +worden, maar bovendien door den minderen weerstand van 't water tegen +het blad, de slag spoediger geëindigd zijn dan bij de andere roeiers +'t geval is, wanneer door allen dezelfde kracht wordt aangewend; zoo +zal dus ook hier de maat verbroken zijn, en de voorwaartsche beweging +langzamer moeten zijn om zich als 't ware te laten inhalen, en bij 't +begin van den slag weer gelijk te zijn. + +Vooral zullen eene massa fouten voortkomen uit het verkeerd gebruik +maken van de armen op het einde van den slag. Zooals men weet, moet +op het einde van den slag, wanneer het lichaam zijne achterwaartsche +beweging gemaakt heeft, de riem tot de borst worden doorgetrokken. Dit +geschiedt natuurlijk door de buiging der armen, maar daarom volstrekt +nog niet _door de samentrekking van den biceps_. Integendeel, de biceps +blijft nagenoeg werkeloos, en de beweging wordt uitgevoerd door de +spieren, die de schouderbladen verbinden met den bovenarm, en de +spieren, die aan de achterzijde van den bovenarm liggen. Om zich een +denkbeeld te vormen van de werking dier spieren, stelle men zich voor +dat men met den elleboog een voorwerp achterwaarts duwt door den +bovenarm iets voorbij 't lichaam naar achteren te brengen, of dat men +een achter zich staanden persoon met den elleboog een stomp geeft. +Dezelfde spieren, die dan in werking komen, gebruikt men ook bij het +roeien, de bovenarmen worden aangehaald, totdat zij langs en evenwijdig +met 't lichaam komen te hangen, de benedenarmen dienen hierbij slechts +als eene verbinding van den riem met de bovenarmen; anders uitgedrukt, +de hoek bij den elleboog wordt eenvoudig gemaakt door den bovenarm +achterwaarts te trekken, niet door den benedenarm naar zich toe te +halen, hetgeen door den biceps geschiedt. (Zie fig. 7). + +[Illustratie: Fig. 7.] + +Buigt men de armen door de samentrekking van den biceps, dan moeten +noodzakelijk de ellebogen zijwaarts opgeheven worden, want anders zou +de riem naar den hals en dus veel te hoog opgetrokken worden. Brengt men +daarentegen den riem naar 't lichaam door de werking van de spieren over +de schouderbladen en aan den achterkant van den bovenarm, dan komen de +armen langs het lichaam, met de ellebogen naar beneden gericht. + +Men behoeft dus niets anders te doen dan de armen langs het lichaam aan +te trekken, om de aangewezen spieren te laten werken, en een krachtig +einde van den slag te maken. + +[Illustratie: Fig. 8.] + +Doet men dit niet, trekt men door de kracht van den biceps den riem +tot de borst, en houdt men bijgevolg de ellebogen zijwaarts opgeheven, +zooals in fig. 8 is afgebeeld, dan zal 't einde van den slag niet alleen +veel zwakker zijn, maar, en hiervan zijn wij uitgegaan, deze fout zal +talrijke andere fouten na zich slepen. + +In de eerste plaats zal de borst ingedrukt en de rug gekromd worden +op 't einde van den slag, juist op 't oogenblik dat de borst 't meest +moet gewelfd worden. Men kan zich hiervan gemakkelijk overtuigen door +een niet al te zwakken armstrong te nemen, dien met het ééne einde +ergens aan te bevestigen, en met beide handen aan het andere einde +den armstrong uit te rekken door de armen, met de ellebogen zijwaarts +opgeheven, te buigen. Men zal dan duidelijk kunnen bemerken dat de borst +eene sterke neiging heeft zich in te trekken. Voert men echter dezelfde +beweging uit met omlaag gehouden ellebogen, dan zal de borst zich +gemakkelijk en als van zelf opheffen. + +Een tweede gevolg van de aangewezen fout is eene langzame en aarzelende +strekking van de armen na 't uit 't water halen van den riem. Wanneer +de armen zijwaarts worden gebogen, dan vormen zij bij den elleboog een +scherper hoek, dan wanneer ze langs het lijf worden aangetrokken; en +hoe meer de armen zijn gebogen, hoe scherper hoek zij dus maken, des +te moeilijker wordt ook de strekkende beweging. Deze zal dus langzamer +zijn, en om den verloren tijd in te halen moet de voorwaartsche beweging +in 't volgend oogenblik en op 't einde sneller zijn, waardoor schokken +gegeven worden en de beweging de vereischte gelijkmatigheid en +veerkracht verliest; of, en dit is even verkeerd, de armen worden niet +in ééns gestrekt, en daarna eerst 't lichaam voorover gebracht, maar +beide bewegingen beginnen gelijktijdig, zoodat het lichaam zich over +den riem heenbuigt; wij hebben boven aangeduid, waarom dit verkeerd is. + + * * * * * + +Eene andere fout die op 't einde van den slag bedreven wordt en zeer +veel voorkomt, is _dat de roeier het lichaam tegen den riem optrekt_, in +plaats van den riem tot de borst door te halen. Dat hierdoor de slag +aanmerkelijk korter wordt, springt in het oog, maar toch zal degene, +die die fout begaat, dit zelf niet zoo spoedig inzien. Hij vormt zich +de illusie een even langen slag te maken als de anderen, daar hij toch +even ver zijn lichaam vooruitstrekt en achteroverzwaait als dezen, en +verwondert zich dan, dat hij eerder „klaar“ is, maar bedenkt niet, dat +hij wel zijn lichaam evenver achterover zwaait, maar vóórdat de slag nog +geëindigd is, reeds weer aan den riem optrekt. + +Deze fout is gewoonlijk een gevolg van overhaasting, of, om 't zoo uit +te drukken, van de begeerte om zoo spoedig mogelijk weer een nieuwen +slag te beginnen. + +Een ander gevolg van die overhaasting is te groote inspanning van de +beenspieren, voornamelijk die naast het scheenbeen loopen, bij 't naar +voren komen. Hierboven is aangewezen in welke volgorde de bewegingen van +armen, bovenlijf en beenen moeten uitgevoerd worden. Natuurlijk worden +ze niet elk afzonderlijk uitgevoerd, ze vloeien in elkaar, maar de ééne +moet vóór de andere _begonnen_ worden. Hij die 't eerst of gelijktijdig +met de voorwaartsche beweging van 't bovenlijf zijne beenen aantrekt, +loopt kans deze laatste te overspannen. + + * * * * * + +Wij gaan nu over tot 't belangrijkste moment in de beweging van 't +roeien, tot 't _begin van den slag_. Het is best mogelijk dat iemand al +de opgenoemde vereischten voor een goeden stijl in zich vereenigt, dat +hij eene goede houding heeft, zijn riem op de juiste hoogte in 't water +houdt, de voorwaartsche beweging van 't lichaam correct uitvoert, en +dat hij toch als roeier weinig beteekent, omdat hij in 't begin van den +slag geen kracht zet, en, om zoo te zeggen, den riem een eind door 't +water laat drijven, vóórdat hij er aan begint te trekken. Hij heeft de +hoedanigheid verkregen om zijne krachten op de meest spaarzame wijze te +gebruiken, en zoo weinig mogelijk te verspillen, maar hij wendt ze niet +op het juiste oogenblik aan. + +Het is daarom van het hoogste gewicht dat men al dadelijk leert op +hetzelfde oogenblik, dat 't blad in het water komt, zijne volle kracht +aan den riem te brengen. Men moet doen, alsof, zoodra 't blad in 't +water komt, 't bankje van onder zich verdwijnt, en de eenige steunpunten +voor 't lichaam zijn 't spoorplankje en 't handvat van den riem, +aan welk laatste men blijft hangen. Die juiste en bliksemsnelle +krachtsaanwending wordt door de Engelschen van zóóveel gewicht geacht, +dat zij legio termen hebben om het denkbeeld uit te drukken: „_Catch +the water, do all the work at the beginning, lift at the beginning_“, +en nog verscheidene andere. Dus tegelijk dat de voorwaartsche beweging +is geëindigd, worden de handen iets opgelicht, zoodat de riem den +vereischten steun in 't water heeft, en men hangt dan aan den riem en +drukt de voeten stevig tegen den spoorplank. + +De reden waarom juist in 't begin van den slag de volle kracht gebruikt +moet worden, is deze: na afloop van elken slag vermindert telkens de +vaart van de boot, omdat elk licht vaartuig weinig vaart houdt zoodra de +voortstuwende kracht opgehouden heeft te werken, en bovendien omdat door +de voorwaartsche beweging van de lichamen of liever door de drukking van +den riem op den strijkdol de gang gestremd wordt. Dus telkens wanneer +men een slag begint, heeft de boot zijne minste vaart; op dat oogenblik +heeft men den meesten „vat“ op 't water. Brengt men eerst later zijne +volle kracht in werking, dan is een sneller achterwaartsche beweging +van 't lichaam noodig om een even krachtigen druk op 't water uit te +oefenen. + +Daarom, maak gebruik van 't oogenblik waarop gij den meesten steun in +'t water hebt, waarop gij door een betrekkelijk langzame beweging groote +kracht kunt uitoefenen. + +Het vereischt eene ernstige oefening om op 't juiste oogenblik op ééns +zijne volle kracht aan te wenden, zonder toch een ruk te geven. + +Velerlei zijn daarom de fouten, die omtrent dit punt worden +aangetroffen. Er zijn er, die, zooals wij reeds aanmerkten, eerst nadat +de riem eenigen tijd in 't water is, hunne volle kracht gebruiken. + +Anderen beginnen den slag goed, verslappen echter spoedig en eindigen +zwak. + +Weer anderen pakken 't water goed, rusten in 't midden van den slag wat +uit, en geven aan 't eind nog een flinken ruk. + +Al deze manieren hebben 't groote gebrek dat zij geen volledig gebruik +maken van den kostbaren tijd, dat de riem in 't water is, en de laatste +methode nog bovendien dit, dat er rukken gegeven worden. Laat de roeier +toch begrijpen dat door rukken geen resultaat verkregen wordt evenredig +aan de krachtsinspanning. Bovenal zij hem op het hart gedrukt, om +gelijkmatig den riem door 't water te halen, in 't begin van den slag +reeds met volle kracht, maar zooveel mogelijk tot 't laatste toe die +krachtsuitoefening voort te zetten. + + * * * * * + +_De wijze waarop de roeier van zijn sliding-seat moet gebruik maken._ + +Wij hebben reeds in de vorige § aangewezen op welke wijze men na +volbrachten slag 't handvat van den riem weer vooruit brengt om een +nieuwen slag te beginnen, en daarbij als eene zaak van veel gewicht +er op aangedrongen, dat de handen dadelijk en met vlugheid voor zich +uitgeworpen worden, en eerst daarna de zwaai van 't lichaam en de +voorwaartsche beweging van 't glijbankje moeten volgen, en wel in de +volgorde waarin wij ze opnoemen om deze reden, dat het lichaam zoodra +het den steun van den riem moet missen, zoo spoedig mogelijk van zijne +achteroverliggende houding opgeheven moet worden, daar deze houding eene +vrij groote inspanning van de buikspieren vordert. + +Maar nu de trek, de eigenlijke slag: hoe moeten daarbij de bewegingen +van 't lichaam en van de sliding-seat ten opzichte van elkander zijn? +De armen kunnen wij hier buiten rekening laten, daar, zooals wij gezien +hebben, deze eerst gebogen worden op 't einde van den slag, wanneer +de overige deelen van 't lichaam hunne functiën verricht hebben. + +We hebben dus alleen te maken met den zwaai van 't lichaam en met het +strekken der beenen. + +Daar de spieren der beenen de sterkste zijn van 't lichaam, zal de +roeier er allicht toe komen, om bij 't begin van den slag de beenen in +ééns en met kracht te strekken, terwijl 't bovenlijf voorover gebogen +blijft, totdat 't bankje geheel naar achteren is gebracht, op welk +oogenblik eerst de zwaai begint. + +[Illustratie: Fig 9.] + +Deze manier heeft deze twee fouten: + +1º. Wordt gedurende een groot deel van den slag 't lichaam in +voorovergestrekte houding gelaten, in welke de spieren van den rug +met meer moeite den last zullen dragen dan wanneer 't lichaam wat +achterover gestrekt was. Zelfs zal het dikwijls voorkomen, dat bij +zulke plotselinge strekking der beenen, 't bovenlijf niet in staat is +te volgen, maar als 't ware achterblijft, dat tengevolge daarvan de +schouders naar voren komen en de rug gekromd wordt, dat dus de geheele +houding van den roeier bedorven wordt. + +2º. Ook dan, wanneer de goede houding bewaard blijft, werkt de +langdurige vooroverliggende positie de vrije ademhaling tegen. + +~Victor Silberer~ in zijn „_Handbuch des Rudersport_“ is daarom eene +andere methode toegedaan: „eerst het bovenlijf achterover zwaaien, +en dan eerst de beenen strekken.“ Dus de beenen worden gedurende +het eerste gedeelte van den slag in dezelfde stelling gehouden, de +sliding-seat blijft op dezelfde plaats totdat het lichaam achterover +gezwaaid is, waarna eerst de beenen gestrekt worden. + +[Illustratie: Fig. 10.] + +Ook deze methode heeft, naar onze meening hare gebreken, waardoor zij +niet aanbevelenswaardig wordt. + +1º. Zal de „catch,“ 't begin van den slag, bij deze methode, niet zóó +flink, niet zóó krachtig zijn als 't behoort. Met opgetrokken, sterk +gebogen beenen kunnen de spieren van den rug niet zoo krachtig werken +als na eenige strekking. En in die onnatuurlijke houding met opgetrokken +knieën wil men hebben, niet alleen dat 't lichaam gedurende eenigen tijd +blijft, maar ook dat bovenlijf zijne geheele functie zal verrichten, +totdat het zijne uiterste achteroverhangende stelling heeft ingenomen. + +2º. Doet zich dit bezwaar voor, dat de beenspieren, de sterkste van het +lichaam, gedurende een kort gedeelte van den slag, en nog wel op 't +einde, wanneer de boot reeds weer vaart heeft, het bankje met snelheid +achteruit stooten, hetgeen allicht de boot doet schokken. + +Bij de eerste methode bestond dit bezwaar niet, daar in 't begin van den +slag de riem den grootsten weerstand ondervindt, en dus, hoe energiek +de beenen ook werken, het bankje niet met zóó groote snelheid achteruit +geschoven kan worden. + +Beide genoemde stelsels zijn uitersten; naar onze meening moet er eene +transactie gesloten worden om de ware methode te verkrijgen. + +Zoodra de slag wordt aangevangen, strekken zich de beenen niet in ééns, +noch zwaait 't bovenlijf achterover terwijl de knieën opgetrokken +blijven, maar beide bewegingen geschieden gelijktijdig: het bankje wordt +langzamerhand achteruit geduwd, terwijl het lichaam zijn +achterwaartschen zwaai maakt. + +[Illustratie: Fig. 11.] + +In dit stelsel wordt het lichaam niet gedwongen gedurende een groot +deel van den slag in onnatuurlijke houding te blijven, daar door eene +kleine strekking van de beenen de rugspieren al dadelijk gemakkelijker +kunnen werken, de sterke beenspieren werken mede tot een krachtig +begin van den slag, terwijl aan den anderen kant ook eene langdurige +voorovergestrekte houding van het bovenlijf vermeden is. Ook wordt de +gelijkmatigheid, waarmee de riem door 't water gehaald wordt, door deze +methode zeer bevorderd. + + * * * * * + +Een andere kwestie van belang, waarover de meeningen nog al +uiteenloopen, is _de mate van snelheid waarmee de riem naar voren +gebracht moet worden na 't eindigen van elken slag_. + +Het beginsel waarvan men uitgaat, is om zoo weinig mogelijk tijd te +verliezen. Elk overtollig oogenblik dat de riem boven water doorbrengt +na elken slag, heeft ten gevolge tijdverlies, en maakt dus den tijd +waarin de baan afgelegd wordt langer. Vandaar dan ook, dat de riem geen +oogenblik stil mag zijn, noch na 't einde van den slag, wanneer hij uit +'t water gehaald is, noch vóór 't begin van den slag na zijne vlucht +over 't water. Wanneer de riem slechts 1/10 seconde stil ligt b.v. na 't +einde van elken slag, dan blijft hij in één minuut, wanneer 40 slagen in +de minuut gemaakt worden, reeds 4 seconden werkeloos. Zoo krijgt men een +denkbeeld van 't kolossale tijdverlies, dat op de geheele baan wordt +geleden. + +Dus in geen geval stilstand van den riem. Maar nu welke mate van +snelheid? Wanneer men alleen rekening hield met het zooeven genoemd +beginsel, dan zou het wenschelijk zijn om _zoo snel mogelijk_ naar +voren te komen, omdat men dan zoo weinig mogelijk tijd verliest. + +Er zijn echter ook andere factoren van de snelheid van de boot, waarmee +men rekening moet houden. + +1º. Zooals wij reeds ter andere plaatse hebben gezegd, verliest de boot +na 't einde van elken slag door de voorwaartsche beweging van 't lichaam +telkens een deel van hare snelheid. Hoe sneller nu de voorwaartsche +beweging van 't lichaam is, hoe grooter de kracht waarmee de gang van de +boot gestremd wordt. + +2º. Vordert 't naar voren brengen van 't lichaam eene groote inspanning +vooral van de buikspieren. Wordt nu deze beweging zoo snel mogelijk +gemaakt, dan worden genoemde spieren overmatig ingespannen, en daardoor +de energie, de veerkracht van 't lichaam uitgeput, want men moet wel +bedenken dat te groote inspanning van sommige spieren terugwerkt op alle +deelen van 't lichaam. + +Zoo moet dus ook alweer hier een middenweg hem trachten te vinden +door de praktijk, waarbij men zich zal kunnen laten leiden door twee +hoofdbeginselen van het roeien: 1º. Nooit mag de beweging met schokken +geschieden, 2º. Geen deel van 't lichaam mag bovenmatig en buiten +evenredigheid met de andere deelen ingespannen worden. + + * * * * * + +Wanneer iemand begint te leeren roeien, zal de gedurige aanmaning van +zijn leermeester zijn: „_flink naar voren komen en goed naar achteren +vallen!_“ Hoewel wij deze methode van leeren geenszins afkeuren, omdat +de leerling steeds eene sterke neiging gevoelt om rechtop te blijven +zitten, en slechts met de armen te werken, zoodat hij vroegtijdig moet +gedwongen worden zijn bovenlijf te gebruiken, zoo zal men toch in de +meeste gevallen zien dat hij na deze aanmaning in zijn ijver veel te +ver achterover zwaait, en soms ook de voorover strekkende beweging +overdrijft. + +_Tot hoever moet hij nu deze bewegingen uitstrekken?_ + +In eene boot met vaste dollen zal de voorwaartsche strekking van het +lichaam van zelf hare grens vinden in het gevaar dat de riem tusschen +de dollen bekneld raakt. Men zorge dan steeds zoover naar voren te +komen als maar mogelijk is, zonder in 't begin van den slag met den +voorkant van den riem tegen den strijkdol aan te komen. Het is echter +ook mogelijk, dat in eene boot de dollen te ver van elkaar verwijderd +zijn; in dit geval en wanneer er draaiende gekozen worden, eene +verzoening gezocht tusschen twee tegenstrijdige beginsels. In theorie is +het moeilijk te zeggen, welke die middenweg is. Men moet zich wachten +voor overdrijving van de voorwaartsche beweging. De strekking mag niet +ontaarden in eene vooroverbuiging, zoodat de rug gekromd, de schouders +vooruitgebracht, de borst bekneld wordt. Wij hebben het reeds meer +gezegd, men moet zijn lichaam geen geweld aandoen. Het voordeel van een +langeren slag weegt dan niet op tegen de groote inspanning om in die +houding den riem met kracht door 't water te halen. + +Ook het achterovervallen mag niet reiken over een zeker punt, van waar +de roeier zich weer gemakkelijk kan oprichten. Gaat men verder, dan +zal de lengte van den slag daardoor winnen, maar het hieruit verkregen +voordeel ook alweer niet in evenredigheid zijn met de vermeerdering van +inspanning der buik- en lendespieren, die het lichaam weer moeten +opheffen. + +Vaste regels zijn hier echter niet voor te geven; sommige roeiers zullen +meer naar voren komen, anderen meer achterover vallen, weer anderen +beide bewegingen in meerdere mate uitvoeren. Dit hangt dan grootendeels +af van de gewoonte en van de oefening, waardoor zich sommige spieren +meer ontwikkelen dan andere. Maar in elk geval wake men tegen +overdrijving. + +In nauw verband met het juist gezegde staat _het aantal slagen_ door +eene ploeg in de minuut gemaakt. + +Dikwijls ziet men op wedstrijden of ook wel wanneer als oefening op tijd +wordt geroeid, de toeschouwers angstvallig letten op het aantal slagen +in de minuut, en dan hoort men ook veelal uit het grootere of kleinere +aantal conclusies maken ten nadeele of ten gunste van de ploeg. + +Meestal zijn die conclusies geheel ongemotiveerd; men kan in 't algemeen +uit het aantal slagen geen gevolgtrekking maken over de kwaliteit van +den roeier. Natuurlijk moet een zoogenaamde „_ratelslag_“ evenals een +luie „_zeurslag_“ geen hoogen dunk geven van den roeier; dit ligt +aan een gebrek in den stijl, hetzij aan overhaasting, hetzij aan +langzaamheid, gemis aan veerkracht in de bewegingen. Maar het is zeer +goed mogelijk dat eene bepaalde ploeg in eene zekere boot met 36 slagen +in de minuut sneller roeit, dan met 38 slagen, als ook andersom. + +Daarom is het zoo verkeerd, dat een trainer vooraf bepaalt met hoeveel +slagen zijne ploeg moet roeien, en aanmerking maakt, wanneer ze een +kalmer, langer slag aanneemt. Dit kan hij eerst beoordeelen, wanneer hij +zijne ploeg goed kent, en zelfs door proeven eene zekere ondervinding +omtrent haar heeft opgedaan. + + * * * * * + +Wij laten hier nog volgen eenige regels voorgeschreven door den +schrijver van „_The principles of Rowing and Steering_“, en eenige door +hem aangewezen meest voorkomende fouten. + +„The requisites for a perfect stroke are: + +1º. Taking the whole reach forward, and falling back gradually a little +past the perpendicular, preserving the shoulders throughout square, and +the chest developed at the end. + +2º. Catching the water and beginning the stroke with a full tension on +the arms at the instant of contact. + +3º. A horizontal and dashing pull through the water immediately the +blade is covered, without deepening in the space subsequently traversed. + +4º. Rapid recovery after feathering by an elastic motion of the body +from the hips, the arms being thrown forward perfectly straight, +simultaneously with the body, and the forward motion of each ceasing at +the same time.[3] + +[3] Wij hebben hierboven in dit hoofdstuk eene andere meening verdedigd. + +5º. Lastly, equability in all the actions, preserving full strength +without harsh, jerking, isolated, and uncompensated movements in any +single part of the frame. + +Faults in rowing.—The above laws are sinned against when the rower + +1º. Does not straighten both arms before him. + +2º. Catches the water with unstraightened arms or arm, and a slackened +tension as its consequence; thus time may be kept, but not stroke; +keeping stroke always implying uniformity of work. + +3º. Rows round and deep in the middle, with hands high and blade still +sunken after the first contact. + +4º. Keeps one shoulder higher than the other. + +5º. Doubles forward and bends over the oar at the feather, bringing the +body up to the handle and not the handle up to the body. + +6º. Strikes the water at an obtuse angle, or rows the first part in the +air. + +7º. Shivers out the feather, commencing it too soon and bringing the +blade into a plane with the water while work may yet be done; thus the +oar may leave the water in perfect time, but stroke is not kept. This +and No. 2 are the most subtle faults in rowing, and involve the +science of shirking. + +8º. Rolls backward, with an inclination towards the inside or outside of +the boat. + +9º. Turns his elbows at the feather instead of bringing them sharp past +the flanks. + +10º. Throws up water instead of turning it well aft off the lower angle +of the blade. A wave thus created is extremely annoying to the oar +further aft; there should be no wave travelling astern, but an eddy +containing two small circling swirls.“ + + +§ 4. _Het scullen._ + +Men zorge er voor, alvorens in eene scullingboot plaats te nemen, +het roeien met één riem in den grond te kennen. En dan nog is het den +beginner geraden in eene zware boot met vaste banken te beginnen, daar +men in eene lichte raceboot reeds aan het bewaren van het evenwicht +zoozeer zijn aandacht moet wijden, dat de beweging zelve er door op den +achtergrond zou geraken. + +Het is ook wenschelijk dat het materiaal vooraf door een ervaren sculler +worde nagezien, want hetgeen bij het roeien in 't algemeen over 't +aanleeren van fouten door slecht materiaal gezegd is (bv. verkeerde +stand van de dollen, van het stootleer, enz.) geldt in nog grooter +mate bij het scullen. Men lette hierbij vooral op de voldoende ruimte +tusschen de dollen, want, daar de hefboom van een scull korter is dan +van een riem, is de hoek door een scull met de dollen gevormd, ook +scherper, waaruit volgt, dat de dollen verder van elkander moeten staan, +zal de scull niet er tusschen bekneld raken. + +De vereischten voor een goeden stijl in het scullen zijn dezelfde als +bij het roeien met één riem. Door de hanteering van twee riemen wordt +de beweging echter van zelf iets gewijzigd, want men wordt nu niet meer +gedwongen met de eene hand verder te reiken dan met de andere, en zoo +ook worden beide handen op 't einde van den slag even ver naar zich toe +getrokken. + +Een punt van onderscheid maakt de lengte van den slag uit. In eene +scullingboot kan en moet de slag langer zijn dan in eene andere. + +Bij de voorwaartsche beweging reeds kan de sculler iets verder reiken, +daar hij zijne armen naar beide zijden voor zich uitspreidt, zoodat het +lichaam recht voorover gestrekt kan blijven, terwijl de roeier, wil hij +zich zoover mogelijk naar voren strekken, in dat geval genoodzaakt is +zijn lichaam naar binnen te buigen en dan nog zijne armen niet recht +voor de borst heeft. + +Maar het is vooral in de achterwaartsche zwaai dat de sculler zijn slag +veel langer kan maken. + +Zoo de roeier zich te veel achterover geeft, zal het einde van den slag +zeer zwak zijn, want de hefboom van zijn riem wijst naar zijn borst, en +moet dus naar den binnenkant van zijn lichaam getrokken worden. Want +indien het binneneinde van den riem zóó lang was, dat het handvat naar +zijne borst getrokken kon worden, ook al was hij evenmin achterover +gezwaaid, dan zouden al weder zijne armen buiten de richting van het +lichaam vallen op het oogenblik, dat de riem een rechten hoek met het +boord vormt, juist op het punt waarop de uitwerking van de ingespannen +kracht het grootst is. Bij den sculler daarentegen snijden de rechts +en links werkende krachten elkaar in het middenpunt der breedte van de +boot, zoodat het lichaam steeds in de richting der kiel kan blijven +werken, ook al is het nog zoo ver achterover gestrekt. + +Eene zaak van gewicht is nog deze: + +Bij het scullen is het nog meer noodig dan bij 't gewone roeien, dat +de armen na het einde van den slag in eens gestrekt worden; de handen +moeten bliksemsnel naar voren worden geworpen om eene aanraking met de +knieën te voorkomen; voor deze aanraking bestaat nl. bij het scullen +meer gevaar, daar de handen, niet op gelijke hoogte, maar de een boven +de andere over de knieën worden gebracht. + +Deze beweging, juist uitgevoerd, zal de schouders terugbuigen en de +vrije ademhaling bevorderen. + +~Walter Bradford Woodgate~ geeft nog eene andere afwijking aan van de +regels gegeven voor 't gewone roeien. + +Hij zegt nl. dat een sculler op 't einde van den slag niet de sculls +naar zijn lichaam moet trekken, maar 't lichaam aan de sculls optrekken, +dus juist iets doen wat bij 't roeien met één riem streng verboden is. + +Als redenen voor deze afwijking worden opgegeven de volgende argumenten: + +1º. Bij het scullen wordt een langer slag gemaakt, het bovenlijf wordt +verder achterover gezwaaid, zoodat een extra kracht noodig is om het +weer op te heffen. De buik- en lendespieren zullen dus overmatig worden +ingespannen, zoo zij niet ondersteund worden, doordat 't lichaam aan de +riemen wordt opgetrokken. + +2º. Het gewicht van het bovenlijf wordt, zoodra de sculls 't water +verlaten hebben, op de lendenen overgebracht. Is nu het lichaam op dat +oogenblik ver achterover gestrekt, dan zal het gewicht rusten op het +voorste gedeelte van de boot, waardoor de boeg „_dompt_,“ 't geen de +vaart vermindert. Trekt men echter 't lichaam aan de riemen op, dan zal +het gewicht eerst op de boot drukken wanneer 't lichaam weer een eind +voorwaarts is opgeheven, en dus niet meer zoover achterover ligt, zoodat +het gewicht niet zoover vóór in de boot komt. + +Niettegenstaande onze achting voor de kundigheden van den bekenden +engelschen schrijver over de theorie van 't roeien, kunnen wij ons toch +geenszins vereenigen met de door hem voorgestane meening. + +Onzes inziens is zijn betoog niets anders dan eene cirkelredeneering. + +Zij komt hierop neer: de sculler moet verder achterover zwaaien dan de +roeier aan één riem; hieruit zullen twee gevolgen voortkomen: + +1º. Wordt grooter krachtsinspanning vereischt om 't lichaam weer naar +voren te zwaaien, 2º. 't gewicht wordt na 't einde van den slag, zoodra +de riemen uit 't water gelicht worden, meer naar 't voorste gedeelte van +de boot verplaatst, waardoor de boeg zal dompen. + +Om nu deze beide nadeelige gevolgen te voorkomen, moet dienen de +aanbevolen beweging, waarbij 't lichaam door de kracht van de armen +aan de riemen wordt opgeheven, want zoo zal men de voorwaartsche zwaai +vergemakkelijken, en dus krachten besparen, en tevens 't dompen der boot +voorkomen. + +Volkomen waar; maar men vergeet dan, dat dit alles geschiedt ten +koste van de lengte van den slag, want stel dat de sculler zijn +achterwaartsche zwaai maakt totdat zijn lichaam den stand heeft van +_a c_ op hierbovenstaand figuur, maar hij trekt zich op 't einde van +den slag aan de riemen op, zóó dat op 't oogenblik dat zijne handen bij +zijne borst komen, 't lichaam den stand _a b_ heeft, dan wordt de slag +niet doorgetrokken tot punt _e_, maar tot punt _d_. + +[Illustratie: Fig. 12.] + +En waartoe dient nu de achterwaartsche zwaai tot _a c_, wanneer de slag +er toch niet langer door wordt, dan wanneer de zwaai gegaan was tot +_a b_? Immers nergens voor; want, hetzij men zich achterover geeft tot +_a c_, maar zich weer optrekt tot _a b_, hetzij men eenvoudig slechts tot +_a b_ achterover zwaait, in beide gevallen zal 't gewicht even ver naar +voren in de boot verplaatst worden, en ook zullen in beide gevallen de +buik- en lendespieren de voorwaartsche beweging moeten volbrengen van af +_a b_. + +De redeneering van ~Woodgate~ loopt dus in dezen cirkel: + +De slag moet langer gemaakt worden van _d_ tot _e_, maar om de daaruit +voortvloeiende nadeelen te niet te doen, geeft hij middelen aan de hand +waardoor de slag weer ingekort wordt tot _d_. + +Is het dan niet eenvoudiger en dáárom beter, omdat de verdere zwaai +achterover bespaard wordt, om slechts tot _a b_ achterover te vallen? + +Onze conclusie is dus deze: men moet zóóver het lichaam achterover +zwaaien, dat de voordeelen van de meerdere lengte van den slag de +nadeelen daaruit voortvloeiende nog overtreffen, en niet aan de nadeelen +trachten te ontkomen door middelen die den slag feitelijk korter maken; +want dit is met een omweg naar 't doel streven. + + * * * * * + +Er doen zich bij het scullen nog eenige eigenaardige moeilijkheden voor, +waarmede beginners soms zwaar te kampen hebben. + +1º. De sculls loopen over een afstand van 5 à 6 cM. over elkaar heen, +waardoor het in 't begin moeilijk is het tegen elkaar stooten der handen +te vermijden. De eene hand moet dus hooger dan de andere gehouden +worden; het is geheel onverschillig welke hand men boven, welke onderaan +houdt. Maar men werpe ze toch tegelijk naar voren, zoodat de sculls +tegelijk in 't water komen, en het ook tegelijk weer verlaten. + +Om het afglijden der handen te verhinderen, legge men het bovenlid van +den duim tegen het uiteinde van de scull aan. + +2º. Door de geringe breedte zal de boot spoedig aan 't „_rollen_“ gaan, +en de sculler zal dit trachten te verhinderen door bij het scheren de +bladen der sculls over 't water te laten gaan. Dit nu is verkeerd. Bij +'t einde van den slag moet hij de sculls flink uit het water lichten en +ze naar achteren brengen zonder de oppervlakte van 't water te raken. + +Dit is echter niet gemakkelijk, en eerst na oefening zal men zijn +evenwicht leeren bewaren. + +Dikwijls wordt in het handvat van de scull een of twee ons lood gegoten +om op het vereischte oogenblik gemakkelijker het blad uit het water te +kunnen lichten en terug te brengen, zonder de oppervlakte van het water +aan te raken. + +3º. Eene kunst die de sculler ook noodzakelijk moet leeren, is: zijn +vaartuig _in den koers te houden_. In 't eerst zal hij daartoe telkens +omzien, en zoodoende alras de handigheid verkrijgen om _alleen het +hoofd_ om te wenden, zonder daarbij met roeien op te houden. Op wateren +waar weinig of geen scheepvaart is, zal men dikwijls kunnen volstaan +met de oogen steeds op den achtersteven gericht te houden, nadat men +dezen eenmaal in de gewenschte richting heeft gebracht. Elke afwijking +zal terstond in het kielwater zichtbaar worden. Bovendien heeft het +gadeslaan van den achtersteven dit voordeel in, dat de sculler steeds +'t werk zijner handen zal kunnen nagaan. + +De stuurtoestellen verlichten 't werk zeer, als het noodig is de boot +weer in de vereischte richting te brengen, maar toch is het beter eerst +eenigen tijd dit toestel _niet_ te gebruiken. Het gemak, waarmee men +door een lichten druk van den voet eene afwijking der boot herstelt, +verleidt den sculler allicht om de gelijkelijke arbeid der handen te +veronachtzamen, en telkens zijn toevlucht te nemen tot 't stuurtoestel. +Het roer nu vertraagt den gang der boot door den tegenstand van 't +water. Hoe minder het dus gebruikt wordt, hoe beter. + +Zijn alle moeilijkheden overwonnen en heeft men zich een goeden stijl +als sculler eigen gemaakt, zoo kan men zich vleien met het bewustzijn +een hoogen trap van volmaaktheid in de schoone roeikunst bereikt te +hebben. + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +VIERDE HOOFDSTUK. + +HET STUREN EN DE STUURMAN (_coxswain_, _barreur_, _Steuermann_). + + +Evenals men den roeiliefhebber toeroept: „leer zwemmen vóórdat gij in +de boot plaats neemt,“ raden wij den aanstaanden _stuurman_ aan om te +leeren roeien alvorens de stuurlijnen ter hand te nemen. + +Dikwijls komt het voor, dat iemand, door liefde tot de stuurmanskunst +aangetrokken, lid eener roeivereeniging wordt en dan maar terstond +als stuurman in eene boot plaats neemt zonder zich de moeite te willen +getroosten eerst te leeren roeien; immers, aldus redeneert hij, roeien +en sturen zijn geheel verschillende kunsten en hebben niets met elkaar +gemeen. + +Wij behoeven zeker niet te zeggen, welke gevaren een ploeg, door zulk +een stuurman gestuurd, bedreigen. + +Daar zit hij dan op den stuurbank in eene gedwongene houding, onbekend +met de kommando's, bij elken slag met het bovenlijf naar voren +slingerende, dan naar bakboord dan weer naar stuurboord glijdende, bij +de minste afwijking van den boeg zóó hevig aan een der stuurlijnen +trekkend, dat de boot plotseling veel te ver naar de andere zijde +vliegt, en bij het minste gevaar aarzelend en gereed om de stuurlijnen +te laten glippen. + +Neen, eerst leeren roeien en dan sturen zij ieder aangeraden. + +Een roeier zal, wanneer hij op den stuurbank plaats neemt, zijn +bovenlijf recht gestrekt houden en zorgen dat de boot niet naar ééne +zijde overhelt, daar hij als roeier geleerd heeft hoe lastig dit voor +de roeiers is. Hij zal een vast punt in de verte in het oog houden en +daarop steeds aansturen, daar hij als roeier heeft ondervonden, hoe het +zigzag sturen de roeiers afmat en den gang der boot vertraagt. Hij zal +de stuurlijnen steeds gestrekt houden, daar hij hierdoor alleen de boot +haren rechten koers zal kunnen doen behouden. + +Verder moet de stuurman zijne beenen als een Turk gekruist houden en de +knieën zoover mogelijk uitgespreid. Tevens zal hij zooveel mogelijk +onbeweeglijk zitten en niet elke beweging der boot volgen; dat hij bij +elken slag door de meegevende beweging van het bovenlijf de snelheid der +boot zou bevorderen, is louter fictie; immers zal hij bij het einde van +den slag dezelfde beweging weer achterwaarts moeten maken om zijne +gewone positie te herkrijgen en dus daarbij ook de snelheid der boot +weer verminderen. Het eenig gevolg van dat heen- en weerslingeren is +dus, dat hij door onvast op den bank te zitten de roeiers in hunne taak +zal hinderen en door onbedoelde rukken aan een der stuurlijnen den gang +der boot kan belemmeren. + +Ieder stuurman behoort verder met de volgende regels bekend te zijn: + +1º. eene boot, die stroomopwaarts gaat, moet aan den oever blijven en +elke boot, die zij ontmoet, aan den binnenkant, d. w. z. in het midden +van den stroom laten passeeren. + +2º. eene stroomafwaarts varende boot houdt het midden van den stroom en +laat eene haar ontmoetende boot aan den buitenkant voorbijgaan. + +3º. eene boot, die eene andere boot inhaalt, moet voor deze uithalen om +te passeeren, terwijl de ingehaalde boot ongestoord haren koers kan +vervolgen. + +4º. ontmoeten twee booten elkaar op niet stroomend water, zoo wijken +beiden naar stuurboord uit en ieder laat dus de andere aan bakboord +passeeren. + +5º. eene boot met stuurman moet uitwijken voor eene boot, die zonder +stuurman vaart. + +6º. eene roeiboot moet steeds voor eene zeilboot uitwijken. + +7º. een tweeriems moet voor een vierriems—een vierriems voor een +zesriems—en deze weer voor een achtriems uitwijken. + +Dit over de plichten van den stuurman in het algemeen. + +Thans nog het een en ander over de taak, die hij op wedstrijden heeft te +vervullen. + +Raceroeiers noemen den stuurman wel eens een noodzakelijk kwaad, en +vooral de Franschen en Belgen schijnen deze meening zeer te zijn +toegedaan, waarom zij dit kwaad maar zoo klein mogelijk trachten +te maken en met de kleinste exemplaren van het genus „stuurman“ op +wedstrijden verschijnen. Gewoonlijk zijn het kinderen van 25 à 30 kilo, +aan wie in die landen op wedstrijden het roer wordt toevertrouwd. Dat +zulk een knaap slechts pro forma in de boot zit ingevolge het reglement, +dat een wedstrijd voor „booten _met_ stuurman“ heeft uitgeschreven, +spreekt van zelf, daar de slag in werkelijkheid het bevel voert en hem +gedurende den ganschen kamp instructies moet geven. + +Het voordeel van dezen maatregel ligt voor de hand: de roeiers hebben +minder ballast mee te trekken en de snelheid der boot kan daardoor +grooter zijn. + +Doch ook de nadeelen, die uit die instelling voortvloeien, zijn niet +gering te schatten. + +Zoo de wedstrijd op een water, dat zeer onstuimig is of waar vele +vaartuigen de baan her- en derwaarts doorkruisen, plaats vindt, zullen +kinderen al zeer slechte leiders zijn op dat moeilijke pad, en +ongelukken zullen allicht voorkomen. + +Een goed stuurman kan door eene juiste kennis van den invloed van wind +en stroom op den gang der boot zijn ploeg menigen omweg en veel +krachtsinspanning besparen. + +Wanneer wij bedenken, hoevele wedstrijden met eene bootslengte of minder +gewonnen zijn, dan is het duidelijk, dat een goed stuurman, die de boot +iedere afwijking, hoe gering ook, bespaart, en van elken gunstigen +toestand van wind of stroom onmiddellijk partij weet te trekken, in +vele gevallen voor een groot deel tot de overwinning heeft bijgedragen. + +En hoe kan men dit van een kind eischen? Hoe kan men in een kind die +tegenwoordigheid van geest, dien vasten wil, dat vlug begrip verlangen, +die zoo noodzakelijk zijn tot het vormen van een racestuurman in den +waren zin van het woord? Wij herinneren den lezer slechts aan de wijze, +waarop door belgische ploegen op wedstrijden de boeien worden gemaakt, +waarbij zij steeds een eind tegen nederlandsche ploegen verliezen. + +Ook zouden wij er op kunnen wijzen, hoe bespottelijk het is op +wedstrijden in genoemde landen den slag voortdurend tegen zijn „petit +barreur“ te hooren schreeuwen en onophoudelijk te zien omkijken, in +plaats van op het tempo zijner slagen en de conditie zijner mederoeiers +te letten. Door dat geschreeuw èn van den slag èn van den stuurman, die +zonder ophouden zijn „tirez donc“ laat hooren, worden ook de ooren der +toeschouwers op een allesbehalve welluidend concert vergast. + +Neen, in dat opzicht is het in Nederland beter. + +De gecombineerde vergadering van alle nederlandsche roeivereenigen, in +1885 te Amsterdam gehouden, heeft besloten, dat op onze wedstrijden +slechts stuurlieden worden toegelaten, die minstens 60 kilo wegen, +zoodat hierdoor het kwaad voorkomen wordt, dat sedert jaren in Frankrijk +en België voortwoekert. + +Het is dus wel te verwachten, dat men binnenkort in België ons voorbeeld +volgen en een niet te laag minimum-gewicht voor den racestuurman zal +vaststellen. + +Het is namelijk noodzakelijk, dat deze taak door iemand wordt +waargenomen, die in staat is met vaste hand den koers der boot te +bepalen, van elk voordeel partij te trekken, den roeiers op den +wedstrijd moed kan inboezemen en hen, zoo zij verslappen, met nieuwe +krachten weet te vervullen en tot de uiterste inspanning aan te sporen. + +En in dat geval, is de stuurmanskunst eene edele kunst en kan de +stuurman met evenveel recht trotsch zijn op zijne behaalde medaille als +de roeier op de zijne. + +Verkiest men echter zonder stuurman te roeien, zoo kieze men +wedstrijden voor booten, die door een der roeiers worden gestuurd, doch +trachte niet den edelen roeisport te verlagen door gehuurde kinderen in +de boot te nemen en aldus een voordeel op zijne tegenpartij te erlangen. + +In vele landen is het roeien in booten, voorzien van een _stuurtoestel_, +(_steering-apparatus_), reeds doorgedrongen. + +Het is eene amerikaansche uitvinding, die het gemis van een stuurman +mogelijk maakt door diens taak aan een der roeiers op te dragen. Op de +spoorplank van een der roeiers namelijk is een toestel aangebracht, dat +met de stuurlijnen in verband staat en den roeier in staat stelt de boot +met zijne voeten naar rechts of links te wenden. + +Er zijn drie soorten van dit stuurtoestel, die allen, hoewel in +hoofdzaak aan elkaar gelijk, in samenstelling een weinig verschillen. +Het beste wordt vervaardigd door ~Searle & Sons~ te Londen. + +Het spreekt van zelf, dat het gebruik van dit toestel van den roeier +groote vaardigheid vereischt, zoodat het in eene meerriemsboot +gewoonlijk aan den bekwaamsten roeier wordt opgedragen. + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +VIJFDE HOOFDSTUK. + + Multatulit fecitque puer, sudavit et + alsit, abstinuit venere et vino. + +DE TRAINING. + + +Een enkel woord vooraf over de keuze der roeiers en over de +samenstelling van eene ploeg is hier op zijne plaats. Dikwijls wordt +bij de samenstelling van eene raceploeg meer gelet op physieke kracht +dan op vaardigheid in 't roeien. Men gaat dan van 't denkbeeld uit, +dat degenen, die men gekozen heeft om hunne sterke spieren, met eenige +oefening zich een goeden stijl wel eigen zullen maken. + +Het is gemakkelijk aan te toonen dat deze wijze van handelen onjuist is, +en wel om de eenvoudige reden dat de grondstelling waarvan men uitgaat, +nl. dat ieder door oefening eene goede methode van roeien zich zal +kunnen eigen maken, met de waarheid in strijd is. Er zijn er, die nooit +leeren roeien, er zijn er ook, die slechts door langdurige oefening het +tot op een zekere hoogte brengen. + +Daarom is het raadzaam in de 1e plaats te letten op den aanleg voor en +de vaardigheid in 't roeien, en slechts in de 2e plaats in aanmerking te +nemen de physieke kracht. + +Overigens is over de lichamelijke vereischten voor een roeier weinig +te zeggen. Het spreekt van zelf dat goede longen en een normaal werkend +hart onmisbaar zijn. Heeft men die niet, dan is zelfs eene proefneming +om de vermoeienissen der training te doorstaan reeds gevaarlijk voor +de gezondheid, terwijl de ploeg door het uittreden van een der leden +gedupeerd is, daar men nu met een ander opnieuw zal moeten beginnen te +oefenen. + +Twijfelt men daarom maar eenigszins aan de volkomene gezondheid van een +der genoemde organen, dan doet men goed zich vooraf door een medicus te +doen onderzoeken. + +Groote spierkracht, wij hebben het reeds gezegd, is geen +hoofdvereischte. Tot bewijs van deze bewering beroepen wij ons op het +feit dat zoovele groote roeiers van mindere lichaamskracht zich den baas +hebben getoond van anderen, die over veel grooter physieke kracht konden +beschikken. Een treffend voorbeeld is geweest ~Robert Coombes~, een man +van zeer kleine gestalte en slechts 56¼ K.G. wegende, die in 1846 het +Championnaat van Engeland won, en de eerste roeier van zijn tijd was. +En nemen wij ~Hanlan~ zelf, welk verschil van lichaamskracht bestaat er +niet tusschen hem en ~Trickett~, ~Laycock~, ~Ross~ en andere reuzen, +die allen voor hem 't onderspit moesten delven. En ook onder de +eerste amateurs kennen wij immers roeiers die, ten opzichte van hun +lichaamskracht, niet boven 't middelmatige gingen, b. v. ~Mr. Lowndes~ +van Oxford, die eenige jaren het Championnaat van de Thames wist te +veroveren. + +Maar hiermede willen wij geenszins aantoonen dat groote spierkracht van +geen nut is. Zeker zal, wanneer bij 2 roeiers alle voordeelen gelijk +zijn, de grootere kracht bij den één de schaal naar zijn kant doen +overhellen. Maar ze is niet van zooveel gewicht als men over 't algemeen +gelooft, en in geen geval kan ze in de plaats komen van 't gemis aan +eene goede methode van roeien. Men zorge echter bij de keuze van roeiers +niet gedecideerd zwakke personen te nemen, daar het noodig is dat ze +gedurende elken slag op zich zelf den riem gemakkelijk door 't water +halen; anders kan men niet verwachten dat ze diezelfde beweging +honderden malen zullen kunnen herhalen. + +Aangeboren taaiheid strekt tot aanbeveling. + +Ook geeft eene lange, slanke gestalte een voordeel bij het roeien, +omdat men dan om een even grooten slag te maken als door iemand van +korter, meer ineengedrongen lichaamsbouw wordt gemaakt, zijn lichaam +minder voorover en achterover behoeft te strekken, en dus vanzelf +gemakkelijker roeit. + +Na de keuze der roeiers gaat men over tot de aanwijzing van ieders +plaats in de boot. Hierbij zijn eenige regels in acht te nemen. Als +slagroeier (_strokeman_, _chef de nage_, _Schlagmann_) kieze men den +besten roeier, of hem, die door meerdere geoefendheid boven de anderen +uitmunt. De slagroeier is 't, die de grootste verantwoordelijkheid in +de boot draagt. Vertraagt hij zijn tempo, verliest zijn slag de noodige +veerkracht, noodwendig moet dit terugwerken op de anderen, want ze +moeten hem volgen, en al waren ze de beste roeiers der wereld, ze kunnen +er niets aan doen. + +Ook zijn kalmte en koelbloedigheid zeer gewenschte eigenschappen in hem, +om dezelfde reden, dat hij 't tempo moet aangeven. Een zenuwachtige slag +heeft dikwijls een wedstrijd doen verliezen, evenals kalmte en beleid +hem vaak doen winnen. Te gelegener tijd uitgevoerde „_spurtjes_“, het +juist gebruik maken van zwakke oogenblikken van de tegenpartij, zijn +dikwijls beslissend geweest op een race tusschen ongeveer gelijkstaande +ploegen. + +In die oogenblikken is het de taak van de overige leden der ploeg, maar +vooral van den 2en slagroeier, om oogenblikkelijk 't veranderd tempo +te volgen; geen halve slag mag daardoor ongelijk worden, op 't zelfde +oogenblik dat de slagroeier zijn tempo verandert, moeten de overigen dit +als een elektrischen schok voelen; wij herhalen het, in de 1e plaats de +2e slagroeier, want volgt hij niet, dan zullen alle stuurboordroeiers +eveneens achterblijven; hij is als 't ware de slagroeier aan stuurboord. + +Bij de aanwijzing van ieders plaats komt 't gewicht in aanmerking. Het +grootste gewicht moet in 't midden der boot gelegd worden, dus in een +vierriemsgiek zijn 2e slagroeier en 2e boeg de zwaarste personen, zoo 't +kan de 2e slag nog zwaarder dan de 2e boeg. De boeg (_bow_, _brigadier_, +_Bug_) is de lichtste, terwijl de slagroeier minder gewicht moet hebben +dan de twee in 't midden der boot gezetenen. De gewichtsverdeeling +is echter niet van overwegend belang; stel dat iemand door zijn +regelmatig tempo, etc., de meeste geschiktheid bezit als slagroeier, +maar tevens de zwaarste van de ploeg is; dit laatste zal dan geen +verhindering mogen zijn om hem als slag te doen plaats nemen. Eerst +wanneer een tweede, wat die geschiktheid betreft, met hem gelijk staat, +zal de gewichtsverdeeling in aanmerking mogen komen. 't Gewicht aan +bakboord moet ongeveer gelijk zijn aan dat aan stuurboord; anders zou +de boot naar één kant „overliggen“, hetgeen alleen verholpen kan worden +doordat de stuurman meer naar den kant van 't minste gewicht gaat +zitten. Behalve dat dit laatste nadeelig voor de boot is, heeft het nog +dit inconvenient dat de stuurman bij de minste schommeling van de boot +door wind of golven weer naar 't midden van zijn zitplaats zal glijden, +in welk geval 't evenwicht weer verloren is. + +Een punt aan groot belang is dat de krachten aan stuurboord en aan +bakboord zooveel mogelijk gelijk zijn, zoodat, wanneer 't roer +losgelaten wordt, de boot eene rechte lijn volgt en geen van beide +boorden, zooals 't heet, „_overgetrokken_“ wordt. Duidelijk is het, +waarom. + +Trekt een van de boorden over, dan ziet de stuurman zich genoodzaakt +voortdurend 't roer naar één kant om te halen, hetgeen met meer of +mindere kracht voortdurend het vaartuig in zijn gang tegenhoudt. + + * * * * * + +Zijn de roeiers gekozen, is ieders plaats in de boot aangewezen, de +ploeg kan dan „_in training_“ gaan. De beteekenis van 't engelsche woord +„_to train_“ is africhten; hij, die de handeling pleegt is _de trainer_. + +In Engeland is dit gewoonlijk een „_professional_“ (d. i. iemand, die +van een zekeren tak van sport, in casu van 't roeien, zijn beroep, zijne +broodwinning heeft gemaakt) of een gewezen _professional_, die in dienst +treedt bij eene roeivereeniging, om de ploegen voor de wedstrijden af te +richten, door hun, bij de oefeningen en bij hunne levenswijze met raad +ter zijde te staan en het noodige toezicht over hen uit te oefenen. +Ook in Duitschland is bij de groote roeivereenigingen de gewoonte om +trainers in dienst te nemen, heerschende, en in Frankrijk en België niet +onbekend. + +In Nederland echter heeft ze nog geen ingang gevonden, hier worden de +jongere roeiers geoefend en getraineerd door hunne oudere collega's, +leden of eereleden van de vereeniging. Het behoeft nauwelijks gezegd te +worden dat eerstgenoemd gebruik veel voor heeft. De in dienst genomen +trainers toch zijn niet alleen beproefde roeiers, of het geweest, maar +bovendien menschen die er hun beroep van maken om de fouten in eens +anders methode te ontdekken, en in de roeikunst onderwijs te geven. Dit +nu is eene kunst op zich zelf. + +Het doel van de training is natuurlijk om de ploeg in den toestand +te brengen waarin zij haar toppunt heeft bereikt, en de baan in den +kortst mogelijken tijd aflegt. De engelschen zeggen dan dat men „_in +condition_“ is. + +Daarvoor is noodig dat de roeiers reeds vóórdat de training begint, goed +kunnen roeien. Het is een zeer verkeerd begrip, dat ze dat gedurende de +training wel kunnen leeren. Daarvoor is de tijd te kort; men moet dan +de laatste hand aan 't werk leggen, om zoo te zeggen, de puntjes op de +i zetten. Het spreekt van zelf, dat vooral bij jonge roeiers gedurende +de training de stijl zich aanmerkelijk nog zal verbeteren, maar men +mag het daarop niet aan laten komen, ze moeten reeds vóór dien tijd +geoefende roeiers zijn. + +De training dient: 1º. om van de verschillende roeiers één geheel te +maken. Het is mogelijk dat ieder op zich zelf goed is, maar de ploeg +slecht; 2º. om de taaiheid der spieren, de kracht der longen en het +weerstandsvermogen van 't hart tot op 't maximum te brengen, dat ieder +der roeiers voor zich bereiken kan. + +Om dit doel te bereiken, moet men zich dagelijks vele vermoeienissen +getroosten, vele genietingen ontzeggen. Hieraan is 't dan ook toe te +schrijven, dat zoo velen zich niet aan het régime willen onderwerpen. +Want dat er zijn, die van de training weinig zouden verwachten, kunnen +wij niet gelooven, wanneer de resultaten zoo helder aan den dag komen, +niet alleen op 't gebied van de roeisport, maar ook van de andere takken +van sport. Wanneer wij zien dat ~Axel Paulsen~, om wien te Leeuwarden +op zijne oefeningen de Friezen, als spreeuwen om een kraai, cirkels +beschreven, op den wedstrijd op de lange baan met glans overwon, wanneer +wij hem bewonderen als hij op het laatst even hard rijdt als in 't +begin, dan is 't onmogelijk dat wij in ernst over de training minachtend +de schouders ophalen. Moeten wij niet veeleer denken aan gemis aan +wilskracht, aan gemakzucht? + +In hem, die het wel aardig vindt aan een wedstrijd deel te nemen, en +dit als een grap beschouwt, kunnen wij het verschoonen, dat hij zich +niet aan de ontberingen wil onderwerpen, en zich niet al te veel moeite +getroost. Maar den echten liefhebber van den sport strekt het tot +schande! + + * * * * * + +Welke zijn nu de middelen om het bovenomschreven doel te bereiken? +Wanneer wij de handboeken over den roeisport opslaan in het hoofdstuk +over de training, dan vinden wij daarin een overvloed van voorschriften, +die in de kleinste bizonderheden de dagverdeeling en de levenswijze der +roeiers in training aangeven. Behalve dat meestal hierdoor te weinig +rekening wordt gehouden met 't verschil in lichaamsgesteldheid, in +krachten, in gewoonten van de verschillende roeiers, heeft deze wijze +van behandeling bovendien deze grove fout, dat de geheele regeling te +bezwarend, ja onuitvoerbaar wordt. Het is daarom ons doel in de volgende +regelen aan te geven eene wijze van training, die het minst mogelijk +afwijkt van de dagverdeeling, levenswijze en gewoonten in Nederland +in zwang. Ieder wijzige deze naar zijne bizondere bezigheden, die hem +verhinderen haar juist te volgen, zooals ze hier zal worden aangegeven. + +Ter bevordering van de regelmaat zullen wij de in acht te nemen +voorschriften in 3 cathegorieën verdeelen. + +In de eerste plaats komt in aanmerking _de oefening in de boot_. +Noodzakelijk is 't hieraan de grootste zorg te besteden. Om het grootst +mogelijke nut van deze oefeningen te trekken moet men ze niet te snel +op elkander doen volgen. Twee oefeningen daags, ieder van 1½ uur, zijn +wenschelijk, een des morgens en een des avonds (daar bij ons alle +wedstrijden in den zomer plaats hebben). De slag zorge er voor, vooral +in de eerste week der training, een niet te snel tempo aan te geven, +maar zulk een, dat door allen gemakkelijk gevolgd kan worden. Men moet +nog leeren gelijk roeien, men moet aan elkander gewennen en eenigszins +dezelfde manier van roeien verkrijgen; daarvoor is 't vooral noodig dat +men niet overhaast wordt. Gaat 't niet goed, dan is 't raadzaam om een +oogenblik te rusten; in 't algemeen is 't wenschelijk op de oefeningen, +na de helft van den afstand afgelegd te hebben, 10 min. of een kwartier +te rusten. Men zal dan dikwijls bemerken, dat op den terugtocht beter +geroeid wordt dan bij 't heengaan. + +Is er meer gelijkheid in de bewegingen van de roeiers gekomen, dan worde +het tempo versneld, en sommige kleine afstanden mogen zelfs met groote +krachtsinspanning geroeid worden. + +Men ga er echter niet te spoedig toe over een baan op tijd te roeien; +dit bederft den stijl en vergt te veel van de krachten der roeiers. +Eerst wanneer de roeiers aan elkaar gewoon zijn geraakt, en een paar +weken van de training achter den rug zijn, dan mag er „_een baantje +geroeid worden_.“ Maar dit mag niet te dikwijls herhaald worden, want +eene lange oefening van 1½ uur is als regel veel beter. + +Het is o. i. nuttig dagelijks een „_start_“ te maken, en gedurende 1 of +2 min. het versnelde tempo te behouden. Maar men beginne ook hiermede +eerst nadat de ploeg eenige vorderingen gemaakt heeft. + +Overigens is er weinig te zeggen van de wijze waarop in de boot geoefend +moet worden. Veel hangt af van de krachten der roeiers. Hiermede vooral +moet de trainer te rade gaan, en ook de bemanning zelve moet beoordeelen +hoeveel zij van haar krachten kan vergen. + +Maar wij wenschten toch, vooral voor jonge roeiers, een raad te geven: +men denke niet dat hoe grooter de dagelijksche arbeid is, des te +sterker de ploeg wordt, want het gevaar voor overspanning is dan +groot. Werkelijk, 't is geen zeldzaam geval, dat men op 't einde van +de training zwakker wordt, omdat men „overtrained“ is; en dit is dan +meestal 't gevolg van 't overmatig baantjes roeien. + +De groote moeilijkheid, die zich bij de training voordoet, is juist +deze, dat men moet ontwijken twee klippen, aan den eenen kant te slappe +oefening, aan den anderen kant overspanning, in één woord, men moet +nabij komen aan het maximum, dat van ieders krachten kan gevergd worden, +zonder hem af te matten. + +Als tweede middel tot oefening van de spieren, maar vooral van hart en +longen, diene het _hardloopen_. + +Ook hiervoor geldt natuurlijk de waarschuwing tegen overspanning. Men +beginne daarom met slechts eenige minuten in kalmen draf te loopen, +en telkens op te houden, wanneer de ademhaling te moeilijk wordt. +Langzamerhand worden de afstanden grooter, en sommige daarvan met +grooter snelheid afgelegd. Op deze wijze gebruike men des morgens daags +een ½ uur. Maar deze oefening mag geen afbreuk doen op de oefening in de +boot; zoodra men bemerkt dat men spoedig vermoeid wordt bij het roeien, +moeten de oefeningen in het hardloopen ingekort worden. + +Zoowel door de oefening in de boot als door 't loopen verliest men 't +overtollige vet. Dit is bevorderlijk voor de vrije werking van hart en +longen, en ook van de spieren. + +Maar wij houden het voor bepaald nadeelig om nog bovendien kunstmatig te +doen zweeten door b.v. na het hardloopen in bed onder de dekens te gaan +liggen, waardoor de transpiratie nog eenigen tijd wordt voortgezet, +zooals door sommigen (o. a. ~Victor Silberer~) wordt aangeraden. Op +deze wijze verliest men krachten, zonder dat de spieren, zooals bij +het natuurlijke zweeten 't geval is, door de gezonde oefening worden +gestaald. Bovendien wordt door strenge training, op de wijze zooals +hierboven is aangewezen, van zelf het vet tot een minimum +teruggebracht. + +Tot de derde cathegorie brengen wij de regels en voorschriften omtrent +de _levenswijze_ en het _dieet_ gedurende de training in acht te nemen. + +Eene geregelde levenswijze, vroeg naar bed en vroeg op, is eerste +plicht. Het spreekt van zelf dat na den vermoeienden dagelijkschen +arbeid het lichaam eene flinke rust noodig heeft. Veel hangt ook hier af +van ieders gewoonte; een bepaald aantal uren is daarom niet als regel +aan te geven, maar ieder zorge volkomen uitgerust des morgens op te +staan, zonder nochtans uit luiheid na voldoenden slaap in bed te blijven +liggen. + +Wat het te gebruiken voedsel betreft, zijn alle vet aanzettende spijzen +verboden, en moeten de krachtige spieren vormende gerechten gezocht +worden. Zoo zijn rundvleesch en des morgens bij 't ontbijt eieren +als hoofdvoeding te gebruiken. Ook bladgroenten zijn aan te raden; +daarentegen aardappelen, zetmeelinhoudende groenten, als boonen, erwten, +enz. kortom alle meelspijzen af te raden. + +Ook vette kost, als varkensvleesch, en ook al te versch brood is +nadeelig. + +Eene hoofdzaak bij de training is de onthouding van allerlei +genietingen; maar tevens zijn de voorschriften hieromtrent gegeven, die, +welke het meest overtreden worden, en waarbij men helaas! geneigd is +groote toegevendheid jegens zich zelven te betoonen. + +Dat de omgang met het andere geslacht streng verboden is, laat zich +gemakkelijk begrijpen. Vele krachtige sappen worden dan door het lichaam +verloren, die het onmogelijk missen kan, want, wij hebben het reeds +gezegd, dagelijks wordt het maximum krachtsinspanning van het lichaam +gevorderd; en het is onzin te beweeren, dat men door wat meer voedende +spijs te gebruiken de krachten kan herstellen, want ook de maag moet +reeds het maximum arbeid verrichten, reeds zooveel voedsel wordt +opgenomen, als mogelijk is zonder oververzadigd te worden. + +Dat 't gebruik van sterken drank en het rooken uiterst nadeelig is, het +is eene algemeen bekende zaak; 't eerste omdat het 't bloed te snel in +beweging brengt, het tweede omdat 't nadeelig op de longen werkt. Deze +moeten zooveel mogelijk zuivere lucht inademen; vandaar ook dat 't aan +te raden is, gedurende de training zooveel mogelijk in de open lucht te +zijn. + +Bier is nog bovendien om deze reden verboden, omdat het vet aanzet. +'t Gebruik van een enkel glas wijn, wij kunnen het eerder goed- dan +afkeuren, vooral bij het middagmaal en dan aangelengd met een weinig +water, omdat het in dezen vorm den dorst meer lescht dan zuiver water. + +Dikwijls ziet men roeiers in training na afloop van hunne oefeningen +groote hoeveelheden water drinken; en dit is zeer begrijpelijk, omdat +men door 't zweeten soms een bijna onlijdbaren dorst verkrijgt; en toch +is 't zeer verkeerd daaraan zonder eenigen tegenstand toe te geven. Men +drinke nooit een glas in één teug leeg; dit lescht den dorst niet, een +oogenblik daarna gevoelt men weer bijna evenveel behoefte, en op deze +wijze wordt de maag gevuld met plassen vloeibare stoffen, terwijl de +beschikbare ruimte, om 't zoo uit te drukken, gebruikt had moeten worden +tot opneming van krachtige spijzen. Een goede raad is 't om bij 't +drinken slechts kleine slokjes van tijd tot tijd te nemen; op die manier +wordt de dorst gestild door eene betrekkelijk kleine hoeveelheid. De +ondervinding heeft ons zelf geleerd welk verrassend resultaat men door +deze wijze van handelen kon verkrijgen. Gingen wij op eerstgenoemde +wijze te werk, door met groote teugen te drinken, dan waren wij +nauwelijks tevreden met 7 à 8 glazen water bij het middagmaal. Later +zagen wij in dat dit nadeelig was, en bemerkten toen, dat door de +hierboven aanbevolen methode reeds 3 glazen onzen dorst konden lesschen. + +De vraag, welke de duur van den trainingtijd moet zijn, is niet in 't +algemeen te beantwoorden. Het hangt van verschillende omstandigheden af. +In de eerste plaats van de lengte van de baan, die op den wedstrijd +afgelegd moet worden. Is deze kort, dan kan men volstaan met een korter +trainingtijd; is hij daarentegen lang, dan is ook eene langdurige +training noodig om „_in conditie_“ te komen. Verder hangt de +beantwoording van de vraag af van de meerdere of mindere geoefendheid +der roeiers. Hebben deze reeds meermalen op wedstrijden medegedongen, en +dus reeds meermalen eene training medegemaakt, dan zullen ze eerder in +conditie zijn dan 't geval is met jonge roeiers, die voorzichtiger +behandeld moeten worden, kalmer moeten beginnen, en daarom langer tijd +noodig hebben. Onzes inziens zou als middelmaat kunnen dienen de tijd +van 6 weken. Maar in alle geval moeten allen reeds voor de eigenlijke +training geregeld eenigen tijd eene dagelijksche oefening hebben gehad, +daar 't lichaam anders niet voldoende in staat is om plotseling zulk +eene zware inspanning te verdragen. De overgang zou dan te schielijk +zijn. + + * * * * * + +Als slot van dit hoofdstuk laten wij volgen eene proeve van eene +verdeeling van den dag voor roeiers in Nederland. + +Men staat 's morgens om zeven of acht uur op, al naar men de gewoonte +heeft vroeg of laat zijne legerstede te verlaten. Het lichaam wordt met +koud water geheel gewasschen, of zoo de gelegenheid open staat, even in +'t water ondergedompeld, daarna met een ruwen handdoek hard afgewreven. + +Vóór het ontbijt nog gaat men dan ongeveer een half uur uit en begint +zijne oefening in 't loopen op bovenvermelde wijze. Men mag zich echter +vóór het ontbijt niet te veel vermoeien; daarom is het beter, zoo men +den tijd heeft, om deze oefening zeer kort te maken, en haar in den +middag te herhalen. Men zorge steeds voor deze oefening andere kleeren +beschikbaar te stellen, die na afloop ervan uitgedaan worden, om 't +lichaam met een ruwen doek af te wrijven en schoon te droogen. Na drooge +kleeren aangetrokken te hebben, en toch vooral niet denzelfden flanellen +borstrok, gebruikt men een stevig ontbijt. + +Tot 1 uur is men vrij; op dat uur begint de oefening in de boot, en deze +duurt tot half drie. + +Om de lunch niet te kort hieraan te doen voorafgaan, beginne men er wat +vroeger mee, dan men gewoon is, zoodat een uur minstens verloopt na +afloop van de lunch vóór 't begin van de oefening. Het overige gedeelte +van den namiddag is men vrij. Voor zoover deze vrije uren niet bezet +zijn door bezigheden, waartoe men door zijn werkkring verplicht is, +brenge men ze door in kalme beweging zooveel mogelijk in de open lucht. +Liggen is in alle geval verkeerd. + +Na het diner begint om 7 uur of half acht de 2e oefening in de boot; +deze duurt tot half 9 of 9 uur. Niet te kort voordat men zich te ruste +begeeft wordt nog een matig avondmaal gebruikt, bestaande uit niet te +zware spijzen; om half 11 of 11 uur gaat men ter ruste. + +Het zal niet voor iedereen mogelijk zijn deze dagverdeeling te volgen, +maar, wij herhalen het, hij wijzige ze dan naar de eischen van zijne +werkzaamheden, zooveel mogelijk echter zóó, dat de lichamelijke arbeid +over den geheelen dag wordt verdeeld. + +Het komt ons voor dat wie, zooveel in zijn vermogen is, dezen leefregel +volgt en daarbij de andere gegeven voorschriften nakomt, het onschatbare +genoegen zal smaken dagelijks zijne vorderingen te bemerken, en telkens +bij de oefeningen zich sterker en veerkrachtiger te gevoelen. Met +zelfvoldoening zal hij op 't einde van de training kunnen terugzien op +den zoo goed gebruikten tijd, waarin hij zijn lichaam gehard, zijne +wilskracht gestaald en zijn levenslust opgewekt heeft. Met een kalm hart +en een gerust geweten zal hij op den dag van den wedstrijd op de baan +verschijnen, die voor hem wellicht roemvol zal worden! + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + +ZESDE HOOFDSTUK. + +DE WEDSTRIJD (_race_, _course_, _rennen_). + + +Eindelijk is dan de lang verwachte dag aangebroken, die door eene +overwinning of eervolle nederlaag de kroon op het werk zal zetten. +Velen zijn van meening, dat de roeiers op den dag vóór den wedstrijd +denzelfden leefregel moeten volgen, dien zij den ganschen trainingtijd +hebben gehad; dus de loopoefening, roeioefeningen, enz. ook dien dag +waarnemen. Anderen raden aan, dat eene raceploeg dien dag in volkomen +rust moet doorbrengen om op die wijze als 't ware dubbele krachten voor +den wedstrijd zelf te verzamelen. + +Wij zijn het meer eens met de laatsten en kunnen deze methode bij +ondervinding als de beste aanbevelen. Een eindje kalm roeien is dan +goed, maar alle inspanning moet vermeden worden. + +Wat dus nog al eens in de laatste weken van dien tijd gedaan wordt, +„_het zoogenaamde baantje roeien_“, mag op den dag vóór den wedstrijd +volstrekt niet geschieden. + +Het beste is om alsdan met kalmen slag de baan een paar keeren af te +roeien, zoowel voor den stuurman om zijn koers voor den volgenden dag +vast te stellen, als voor de roeiers om zich te oriënteeren en aldus +in staat te zijn gedurende den strijd hunne krachten verstandig te +verdeelen. + +Op den voorgaanden dag dus nooit de roeiers afmatten! + +Twee uren vóór den aanvang van den wedstrijd gebruiken de roeiers een +stevig, maar niet overvloedig maal, bestaande uit vleesch en eieren; +en daar de wedstrijden bij ons te lande meestal te 1 ure aanvangen kan +dit maal dus gevoeglijk als lunch gelden, en zal er een kop koffie bij +kunnen gebruikt worden. + +De stuurman begeve zich intusschen, zoo hij dit den vorigen dag nog +niet gedaan heeft, naar de regelingscommissie om alle noodzakelijke +inlichtingen aangaande afgaan, baan, draaiboeien, passeeren der winboei, +enz. te verkrijgen. + +Na dan een uurtje met praten te hebben doorgebracht, wordt het al +spoedig tijd zich naar het terrein van den strijd te begeven, de boot +te water te laten en een oogenblik met kalmen slag op en neer te roeien +om de spieren wat lenig te maken. + +Daarna gaan de roeiers op een beschaduwd plekje zitten tot het nummer +aan den seinpaal wordt geheschen, dat den wedstrijd aankondigt, waarin +zij zullen mededingen. Mochten zij alsdan dorst of liever een droge keel +hebben, zoo zal een slok spuitwater geen kwaad doen. Men moet echter +op den dag van den wedstrijd niet drinken, zoo men er geen bepaalde +behoefte aan heeft, en ook dan nog de kleinste hoeveelheden. + +De ploeg stapt dus in, zorgt dat de sliding-seats goed loopen; dat het +stootleer van den riem goed, doch niet al te rijkelijk gesmeerd is; dat +de spoorplank goed vastzit; dat de voetriem geen gevaar loopt te breken; +dat de kleederen niet kunnen knellen, doch vrij en los om het lichaam +zitten. Nauwlettendheid is hierbij noodig, daar op alle wedstrijden +slechts ongevallen, die door de schuld van mededingers zijn veroorzaakt, +recht tot reclame geven. De stuurman zorgt, dat zijne stuurlijnen niet +doorgesleten zijn op het juk van het roer, dat zijn zitkussen stevig op +den bank bevestigd is, zoodat hij er niet mede naar de zijden kan +glijden. + +Hij bespreekt nog even met den slag eenige zaken, die zij op den vorigen +dag hebben overgelegd b.v. welke theorie te volgen met het afgaan, welke +draaiboei te nemen, zoo men de keus heeft, op welke punten spurts te +maken, enz. + +En daar ligt dan de boot aan de afvaartsboei, wachtende op het schot. + +De stuurman heeft beide stuurlijnen in zijn eene, de afvaartsboei in de +andere hand, gereed om deze los te laten zoodra het schot afgaat en dan +de stuurlijnen terstond op de gewone wijze in handen te nemen. + +De roeiers moeten zwijgen en op elk woord van den stuurman letten, die +natuurlijk zorgt de boot recht te houden in den voorgeschreven koers en +daartoe nu bakboord dan stuurboord iets zal laten ophalen of strijken. + +De roeiers zien met voorovergebogen lichaam en gestrekte armen recht +voor zich uit en hebben slechts op den slag te letten om tegelijk met +hem te kunnen beginnen. Daartoe houden zij dan ook voortdurend het blad +van den riem in het water. + +Wij herhalen het: de roeiers moeten letten op den slag en niet op het +schot. Zoo allen op het hooren van het schot willen afgaan, zal de start +nooit zoo regelmatig zijn, als wanneer zij slechts op den slag en op +niets anders om zich heen letten. + +De slag vangt het schot op d. i. hij moet niet wachten, tot het schot +heeft weerklonken, doch als 't ware tegelijk met het afgaan ervan zijn +slag beginnen. Op dat oogenblik werpt de stuurman de afvaartsboei flink +zijwaarts van zich af, zoodat deze in het water en niet in de boot +terecht komt. Wij hebben meermalen gezien, dat de stuurman dat touw, aan +het einde gewoonlijk van een stuk kurk voorzien, in plaats van in het +water, achter zich in de boot wierp, waar het om een latje slingerde en +de boot vasthield. De roeiers moesten dan eerst zich aftobben om door +wanhopig rukken dat weerspannige touwtje of het latje waarom het zich +gedraaid had, stuk te trekken, vóórdat zij zich op weg konden begeven. + +Wij behoeven niet te zeggen, hoe zulk een oogenschijnlijk klein en +vergeeflijk verzuim van een stuurman een zes weken langen arbeid kan +vruchteloos maken. + +Dus het schot heeft weerklonken en pijlsnel schiet de boot voorwaarts. +Van dat oogenblik af hebben de roeiers slechts op den slag te letten; +zoo hij het tempo versnelt, moeten zij hem hierin terstond volgen; zoo +hij het aantal slagen vermindert, ook hierin één met hem zijn; van +praten onder den wedstrijd mag geen sprake zijn; slechts de slag zal nu +en dan aan den stuurman zijn wil door een wenk te kennen geven, zoodat +deze laatste op elke beweging van den slag moet letten, geene vragen aan +hem zal doen, waarop het antwoord uit eenige woorden moet bestaan, doch +zijne vraag aldus inkleeden, dat een knik van den slag voldoend antwoord +is. + +Op wedstrijden heeft ieder wel stuurlieden in functie gezien, die +door ontzettend te schreeuwen hunne roeiers aanvuren en schor van die +inspanning aan land stappen. Dat schreeuwen is natuurlijk tot niets +nuttig en zal slechts den lachlust van het publiek kunnen opwekken. Wèl +kan het kwaad doen: namelijk de roeiers reeds in het begin tot te groote +inspanning verleiden, en niets is op een wedstrijd gevaarlijker dan dat. + +Daarom, stuurman, spreek kalm tot uwe roeiers. Het zullen natuurlijk +meestal personen zijn, die gij goed kent, zoodat gij allicht weet, welke +snaren in hun gemoed moeten worden aangeroerd om hun moed in te +boezemen; en dan zal het wèl zooveel indruk maken, zoo gij hen dit kalm +en flink toevoegt, dan indien gij met een rood gelaat als een bezetene +zit te brullen en te springen. + +Thans nog het een en ander over het afgaan. + +Vraagt men, wat beter is: terstond alle krachten in te spannen om van +den aanvang af de leiding op zich te nemen of in het begin niet al te +veel „er op te zetten“, teneinde dan later te toonen wat men kan, zoo +zouden wij hierop in het algemeen geen antwoord willen geven, maar wel +na eerst de ploeg te hebben leeren kennen, waarvoor het gevraagd wordt. + +Eene ploeg, uit zenuwachtige personen bestaande, zal, zoo zij vóór is, +al terstond rustiger gestemd worden en dus beter samenwerken. Voor +zulke roeiers is het derhalve wel wenschelijk, om, zoo het niet al te +veel inspanning moet kosten, reeds in den aanvang vóór te komen. Vooral +voor jonge roeiers dus zal dit meestal verkieslijk zijn. + +Wat daarentegen ervaren, bedaarde roeiers betreft, die er zich in 't +minst niet om bekommeren of zij aanvankelijk vóór of achter zijn, die +met een glimlach toezien hoe hunne tegenstanders in woeste vaart hen +voorbijvliegen en hunne krachten in het begin verspillen, zulke roeiers +zouden wij altijd aanraden flink maar kalm af te gaan. + +Wij hebben eene bepaalde baan steeds in korteren tijd afgelegd, wanneer +wij bedaard vertrokken en al ons kunnen in het laatste gedeelte legden, +dan zoo wij hard afgingen en de baan, naar ons gevoel althans, toch ook +konden uitroeien. + +Het spreekt van zelf, dat ook dat kalm afgaan en krachten sparen voor +het laatst niet moet overdreven worden. Ook dan kan men in een fout +vervallen, die de overwinning kosten kan. + +Op de verstandige verdeeling der krachten komt dus veel aan. + +In andere landen zijn meestal alle roeivereenigingen tot een bond +vereenigd, die reglementen voor wedstrijden vaststellen, welke dus voor +al die vereenigingen bindend zijn. Bij ons is dit niet het geval, en +laat elke vereeniging, die een wedstrijd uitschrijft, op het programma +tevens de voor dien wedstrijd geldende bepalingen drukken. + +Het is misschien wenschelijk, dat de jaarlijksche vergadering te +Amsterdam dit punt eens op haar programma plaatste, n.l. het vaststellen +van een reglement voor roeiwedstrijden, uitgeschreven door nederlandsche +R. of Z. vereenigingen. + +Eenige bepalingen, die algemeen zijn aangenomen, vindt men op elk +programma terug, o. a. hetgeen wij over het recht tot reclame zeiden. + +Op een paar willen wij nog wijzen: + +Een roeier wordt _junior_ genoemd, wanneer hij vóór den 1sten Januari +van dat jaar nog geen eersten prijs heeft gewonnen, of slechts op +wedstrijden tusschen leden eener zelfde vereeniging of matches +(wedstrijden tusschen twee particulieren tengevolge eener uitdaging). + +Behaalt een roeier een eersten prijs tegen een of meer vereenigingen, +zoo wordt hij met ingang van het volgende jaar _senior_ en mag nooit +meer op wedstrijden, uitgeschreven voor juniores, uitkomen. + +In België geldt echter de bepaling, dat men slechts door het winnen van +een eersten prijs op een _internationalen_ wedstrijd senior wordt. +Nationale wedstrijden noemen zij _courses d'entraînement_. + +Oarsmen en scullers vormen twee op zich zelf staande groepen, zoodat een +prijs door een oarsman behaald, den winner wèl als oarsman doch niet +als sculler senior maakt; en zoo omgekeerd. + +Wij laten nog als slot volgen een _concept algemeen reglement voor +wedstrijden_: + +1. Het sein van afvaart wordt door den „starter“ gegeven, nadat deze +zich verzekerd heeft, dat alle mededingende partijen gereed zijn. + +2. Indien de starter van oordeel is dat eenige onregelmatigheid +heeft plaats gehad bij de afvaart, dan zal hij dadelijk de partijen +terugroepen; elke partij, die weigert een tweede maal af te gaan, zal +buiten mededinging worden gesteld. + +3. Elke partij, die niet op 't bepaalde sein binnen den voor den +wedstrijd vooraf bepaalden tijd aan de afvaartsboei verschijnt, kan +buiten mededinging worden gesteld. + +4. Bij loting wordt aan iedere partij hare boei van omvaart aangewezen. + +5. Iedere partij moet gedurende de geheele baan in haar eigen vaarwater +blijven. Begeeft zij zich in een anders water, dan geschiedt dit op haar +eigen risico; met ieders water wordt bedoeld die lijn recht voor zich +uit, die evenwijdig loopt met den koers van de andere booten tot aan de +winboei toe. + +6. De partij, door wier schuld aanvaring of averij ontstaat, verliest +alle aanspraak op den prijs, tenzij de scheidsrechter, wegens het +onbeduidende er van, anders mocht beslissen. + +7. Averij, niet door toedoen van mededingers geschied, geeft geen recht +tot reclame. + +8. In geval van aanvaring kan de scheidsrechter beslissen, dat de +mededingende partijen behalve die, door wier schuld de aanvaring is +geschied, nogmaals op denzelfden dag of op een nader bepaalden anderen +dag de geheele baan tegen elkander roeien. + +9. Alle geschillen betreffende den race, van de afvaart af tot aan de +aankomst aan de winboei worden beslist in hoogste instantie door den +Scheidsrechter of door eene Jury, bestaande uit een oneven aantal leden. +Reclames moeten dadelijk na aankomst worden ingediend. + +10. De beslissing, welke partij 't eerst de winboei bereike, komt toe +aan een op die hoogte geposteerden persoon. + +11. De leiding van den wedstrijd is opgedragen aan eene afzonderlijke +commissie, die de volgorde van het programma bepaalt, vaststelt over +welke zijde de booten om de boei van omvaart moeten gaan, en de +stuurlieden de noodige aanwijzingen geeft. + +[Decoratieve illustratie] + + + + + +--------------------------------------------------------+ + | | + | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: | + | | + | De volgende correcties zijn in de tekst aangebracht: | + | | + | Bron (B:) — Correctie (C:) | + | | + | B: flotte de César Paris, | + | C: flotte de César, Paris, | + | B: en het _Chapionship_ van geheel Amerika, | + | C: en het _Championship_ van geheel Amerika, | + | B: vloeide het engelschegoud | + | C: vloeide het engelsche goud | + | B: en het _Campionship of the World_ | + | C: en het _Championship of the World_ | + | B: Moon, Magdalen Coll., Oxford | + | C: Moon, Magdalen Coll., Oxford. | + | B: 1861 Putney–Morlake. | + | C: 1861 Putney–Mortlake. | + | B: 1885 RowingClub 5 L. | + | C: 1885 Rowing Club 5 L. | + | B: 1885 M. Chaudoir „ | + | C: 1885 M. Chaudoir, „ | + | B: Messenger) P. M. 24′ 30′ | + | C: Messenger) P. M. 24′ 30″ | + | B: Boyd) op de Tyne foul | + | C: Boyd) op de Tyne foul. | + | B: aan de _ontriggers_ werden aangebracht. | + | C: aan de _outriggers_ werden aangebracht. | + | B: _swivling-rowlocks_ vervangen, en | + | C: _swiveling-rowlocks_ vervangen, en | + | B: (_filling_, _Dullenlager of | + | C: (_filling_, _Dullenlager_ of | + | B: Fütterung_). | + | C: _Fütterung_). | + | B: Dossunet~ te Joinville-le Pont | + | C: Dossunet~ te Joinville-le-Pont | + | B: prijsverhooging bij ~Deichman~ en | + | C: prijsverhooging bij ~Deichmann~ en | + | B: _Jui ste greep._ Fig. 6. | + | C: _Juiste greep._ Fig. 6. | + | B: dat 't lichaam op nieuw naar voren | + | C: dat 't lichaam opnieuw naar voren | + | B: Plotsing kan zich iets | + | C: Plotseling kan zich iets | + | B: borst te trekken, en begine | + | C: borst te trekken, en beginne | + | B: lift at the beginniug_“, | + | C: lift at the beginning_“, | + | B: slidingseat blijft op dezelfde | + | C: sliding-seat blijft op dezelfde | + | B: 2º, Catching the water | + | C: 2º. Catching the water | + | B: wind of stroom onmiddelijk partij weet | + | C: wind of stroom onmiddellijk partij weet | + | B: voorschriftenin 3 cathegorieën | + | C: voorschriften in 3 cathegorieën | + | B: starter van oordeel, is dat | + | C: starter van oordeel is dat | + | | + +--------------------------------------------------------+ + + + + + +End of the Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by +Pieter Helbert Damsté and Frans Eduard Pels Rijcken + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT *** + +***** This file should be named 39035-0.txt or 39035-0.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + http://www.gutenberg.org/3/9/0/3/39035/ + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +http://www.pgdp.net + + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +http://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, are critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at http://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at http://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit http://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including checks, online payments and credit card donations. +To donate, please visit: http://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + http://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. diff --git a/39035-0.zip b/39035-0.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..1c890b1 --- /dev/null +++ b/39035-0.zip diff --git a/39035-8.txt b/39035-8.txt new file mode 100644 index 0000000..48a2dcd --- /dev/null +++ b/39035-8.txt @@ -0,0 +1,3974 @@ +The Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by +Pieter Helbert Damst and Frans Eduard Pels Rijcken + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: Nederlandsch handboek voor roeisport + +Author: Pieter Helbert Damst + Frans Eduard Pels Rijcken + +Release Date: March 3, 2012 [EBook #39035] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT *** + + + + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +http://www.pgdp.net + + + + + + +----------------------------------------------------------------+ + | | + | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: | + | | + | De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, | + | verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te | + | moderniseren. | + | | + | Bladzijde-nummering is verwijderd. Afgebroken woorden aan het | + | einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Voetnoten zijn | + | verplaatst naar het eind van de alinea met de verwijzing. | + | | + | De in het origineel als cursieve tekst is weergegeven als | + | _cursief_. Uitgespatieerde tekst is weergegeven als | + | ~uitgespatieerd~. | + | | + | Overduidelijke druk- en spelfouten in het origineel zijn | + | gecorrigeerd. Variaties in spelling zijn behouden: met/zonder | + | accent, met/zonder koppelteken, met/zonder hoofdletter, | + | met/zonder extra spatie). Bij het Kampioenschap van Nederland | + | (blz. 33) zijn in de bron geen uitslagen vermeld. | + | | + | Aan het eind van het boek volgt een overzicht van de | + | aangebrachte correcties. | + | | + | De illustraties zijn beschikbaar bij de html-versie van dit | + | e-boek op http://www.gutenberg.org/ | + | | + +----------------------------------------------------------------+ + + + + + NEDERLANDSCH HANDBOEK + + VOOR + + ROEISPORT. + + +[Illustratie: "Sans nom" op de Race van 8 Juni, 1884, bij Leiden.] + + + + + NEDERLANDSCH + HANDBOEK + VOOR + ~ROEISPORT~ + + DOOR + + + DR. P. H. DAMST + EN + F. E. PELS RIJCKEN, + + Eereleden van de Leidsche Stud. R. V. "Njord". + + + AMSTERDAM, + ~H. G. BOM.~ + (Warmoesstraat 35.) + + + + +INHOUD. + + + Blz. + + VOORREDE. + + I. GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT 1 + + Uitslag van wedstrijden 27 + + II. DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN 36 + + 1. De boot 36 + + 2. Onderdeelen der boot 41 + + III. HET ROEIEN 57 + + 1. Algemeene opmerkingen 57 + + 2. De eerste beginselen van de roeikunst 61 + + 3. Nadere behandeling van sommige punten 74 + + 4. Het scullen 93 + + IV. HET STUREN EN DE STUURMAN 102 + + V. DE TRAINING 109 + + VI. DE WEDSTRIJD 127 + + + + +VOORREDE. + + +Hoezeer wij volkomen bewust waren van het gewicht der taak die wij op +onze schouders laadden, toen wij het voornemen opvatten eene handleiding +voor Roeisport te geven, en dus eenigen schroom gevoelden, vrdat +wij den arbeid aanvingen, zoo heeft toch de liefde voor den Roeisport +dusdanig bij ons overgewogen, dat wij ons over dien schroom hebben +kunnen heenzetten. + +De Engelschen toch hebben hun ~Bradford Woodgate~, de Franschen bezigen +hiervan eene vertaling, in Duitschland verscheen onlangs een nieuwe druk +van ~Silberer~'s "_Handbuch des Rudersport_," doch de nederlandsche +roeiers moesten zich met een dier buitenlandsche werkjes behelpen. + +Wij weten zelven te goed, dat het boekje, dat wij hierbij aan de +nederlandsche roeiers aanbieden, verre van volledig is en vele gebreken +heeft, dan dat wij ons zouden inbeelden daardoor de zoo lang gevoelde +leemte op voldoende wijze aan te vullen. Maar wij gelooven, dat ook in +deze zaak veel op het doel moet worden gelet. + +Immers met eene vertaling van een der vreemde handboeken zouden onze +roeiers al zeer weinig gebaat zijn. Er moet rekening worden gehouden met +toestanden en gewoonten, die bij ons anders zijn dan in den vreemde. + +Daarom hebben wij den eersten stap gedaan om, uit eigen ervaring +puttend, eene nederlandsche handleiding samen te stellen. + +Het is natuurlijk, dat wij ons daarbij meermalen tot buitenlandsche +schrijvers hebben gewend, en daaraan vele bizonderheden ontleend. + +Evenmin zal men ons het recht ontzeggen om dr, waar wij eene andere +meening dan de hunne waren toegedaan, onze eigenen weg te bewandelen. +Wij hebben steeds onze opinie, waar deze van die anderen verschilt, +uitvoerig verdedigd, zoodat de lezer, na beide zijden gehoord te hebben, +zijne keuze kan vestigen. + +Op verschillende plaatsen, maar voornamelijk waar gehandeld wordt over +de boot en hare onderdeelen, hebben wij de engelsche, fransche en +duitsche benamingen, voorzoover wij ze konden te weten komen, gevoegd +achter de nederlandsche, daar het ons voorkwam, dat deze opgave van +eenig nut kan zijn bij de correspondentie met engelsche, fransche en +duitsche bootbouwers. + +Overigens hebben wij naar aanleiding van de volgende bladzijden weinig +meer te zeggen. Al roept de lezer, na de vrucht onzer overpeinzingen +te hebben doorloopen, nog niet uit: "_la vie sans canotage est une +absurdit_," zoo hopen wij toch door onzen arbeid iets te mogen +bijdragen tot het opwekken van de liefde voor den edelen roeisport +in ons dierbaar vaderland! + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +EERSTE HOOFDSTUK. + +GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT. + + +Het komt ons voor, dat aan het begin van eene handleiding over de +theorie van het roeien eene korte uiteenzetting van de geschiedenis +dezer schoone lichaamsbeweging niet mag gemist worden. + +Hierbij zouden wij echter in het duister rondtasten, zoo wij naar +bronnen gingen zoeken om daaruit het ontstaan en de geleidelijke +ontwikkeling na te gaan; slechts eene dorre, kale vlakte zou zich aan +den navorscher voordoen. + +Maar er zijn oasen in die woestijn. + +Die oasen zijn de roeiwedstrijden. Deze zijn reeds in oude tijden +zorgvuldig opgeteekend, hetzij als wetenswaardigheden in bestovene +kronieken of als zangen van bewonderende dichters. En zoo kan de +geschiedschrijver, van wedstrijd tot wedstrijd gaande, de vorderingen +opmerken, die in de duistere tusschenruimten zijn gemaakt, en daaruit +zijne gevolgtrekkingen met zekerheid maken. + +De wedstrijden dus zijn onze bronnen. Hoe en wanneer nu zijn deze +ingesteld? + +Zoodra vele menschen eene kunst gaan beoefenen, zal het niet lang duren +of zij zullen gaan beproeven, wie hunner het daarin wel het verst heeft +gebracht. Eerst zal zulk een proef misschien eens bij toeval worden +genomen, doch weldra vindt de zaak bij meerderen bijval, die door de +begeerte naar eer en roem worden aangetrokken, en alras worden vaste +dagen of feesten voor die proefnemingen vastgesteld. + +Zoo ontstonden wedstrijden en zoo ontstonden prijsvragen. + +Zoolang dus de menschen reeds geroeid hebben, zoolang bestaan ook reeds +de roeiwedstrijden. + +Zonder eenigen grond wordt het roeien door ~Victor Silberer~ in zijn +"_Handbuch des Rudersport_" "een kind van den nieuweren tijd" genoemd +en gezegd, dat er geene bewijzen zijn voor de onderstelling, dat reeds +bij de oude volken wedstrijden in het roeien gehouden zijn. Immers +~Virgilius~ schildert in het 5de boek zijner _Aeneis_ een roeiwedstrijd +op meesterlijke wijze, en, wat meer zegt, reeds de grijze ~Homerus~ +verkondigt in de _Odyssea_ herhaaldelijk den lof, dien de _Phaeaces_ +met de riemen hebben behaald! + +Maar het zou ons te ver voeren, de roeikunst van die oude tijden af na +te gaan. Hen, die daarin belangstellen, verwijzen wij naar het werkje +van den franschen ingenieur ~Aug. Jal~: _la flotte de Csar, Paris, +Didot,_ 1861. + +Dezelfde schrijver heeft zich ook door zijne "_Archologie navale_" +en "_Glossaire nautique_" verdienstelijk gemaakt ten opzichte van het +zeewezen in de middeleeuwen. + +De oudste in Engeland bekende roeiwedstrijd is de sculler-race om +"_Doggett's Coat and Badge_," die in 1715 door den tooneelspeler ~Mr. +Thomas Doggett~ werd ingesteld en nog telken jare op den 1sten Augustus +wordt gehouden op de Thames van London-bridge tot Chelsea. Slechts +aan jonge "_watermen_" (schippers), die hun leertijd juist hebben +uitgediend, is het veroorloofd naar den prijs te dingen. Deze bestaat +uit eene roode jas en zilveren medaille, waaraan door de londensche +visschersvereeniging nog eene som gelds is toegevoegd. Daar slechts +zes roeiers aan den wedstrijd mogen deelnemen, wordt, zoo zich +meerdere mededingers hebben aangemeld, door voorafgaande wedstrijden +(_trial-heats_, _Versuchsrennen_) uitgemaakt, welke zes deze eer waardig +zijn. + +Vele wedstrijden, in daarop volgende jaren gehouden, zijn van minder +belang. + +Reeds in 1815 vinden wij onderlinge wedstrijden tusschen verschillende +colleges van Oxford vermeld in achtriemsgieken; in Cambridge werd +hierin voor het eerst geroeid in 1826. + +Van de ongeveer driehonderd wedstrijden, die jaarlijks in Engeland +gehouden worden, is die in achtriemsgieken tusschen de studenten van +Oxford en Cambridge zeker wel de meest bekende. In 1829 had deze kamp +voor het eerst plaats, en nu wordt reeds sedert eene reeks van jaren +jaarlijks vr de Paaschvacantie door geheel Engeland met spanning de +dag verwacht, waarop het donkerblauw van Oxford en het lichtblauw van +Cambridge op de 6838 M. lange baan van Putney naar Mortlake op de Thames +naar den prijs zullen dingen. Reeds 43 malen is die strijd gestreden, +waarin Oxford een viertal overwinningen op de tegenpartij vr heeft. +Aan Cambridge komt echter de eer toe het beste record te hebben behaald +nl. in 1873 (tevens het eerste jaar, waarin de _sliding-seat_ werd +gebruikt), toen de ~Cantabs~ in 19{~PRIME~} 35{~DOUBLE PRIME~} de overwinning behaalden. +Vermelding verdient ook het jaar 1877, waarin de strijd onbeslist bleef, +daar beide booten tegelijkertijd de winning-post bereikten: op eene zoo +lange baan voorwaar eene groote zeldzaamheid! + +Een eigenaardig feest vond den 7den April 1881 te London plaats. Men +vierde toen het vijftigste verjaarfeest der _University-race_, waaraan +200 personen deelnamen van de 485, die hetzij als roeiers of als +stuurlieden van 1829 af tot op den feestdag toe aan dien wedstrijd +hadden deelgenomen. Als aandenken aan dien dag hebben de H.H. ~Treherne~ +en ~Goldie~ een boek uitgegeven in slechts 250 exemplaren, dat door ~Mr. +W. Spottiswoode~, die in 1845 tot de Oxford-ploeg behoorde, gedrukt is. +Het is van fraaie afbeeldingen voorzien en bevat eene beschrijving, niet +slechts van den feestdag, maar ook van alle _University-races_, die van +1829 tot 1880 hebben plaats gehad. Tevens geeft het een onderhoudend +verhaal van de verdere loopbaan der roeiers. Uit de statistiek blijkt, +dat de sterfte onder de raceroeiers geringer is dan gewoonlijk. Derhalve +de hand aan de riemen, levenslustigen! + +Na de _Varsity_ (zooals het volk den Universiteitswedstrijd noemt), +die telken jare het roeiseizoen opent, volgt in belangrijkheid de +_Henley-Royal-Regatta_, in 1839 gesticht. Dit is het grootste nationale +roeifeest in Engeland, dat meerdere dagen duurt en wedstrijden in +allerlei gieken te aanschouwen geeft. Als het gloriepunt geldt echter +steeds de "_race for the diamond challenge sculls_," daar de winner +van de gouden, door een grooten diamant verbondene sculls tevens als de +_champion-sculler_ van Europa wordt beschouwd. Verscheidene malen hebben +duitsche en fransche scullers er aan deelgenomen, maar nog nimmer is het +hun mogen gelukken de sculls aan de Engelschen te ontrukken. + +Nadat te Henley gebleken is, wie op de korte baan van 2100 M. de beste +sculler is, kan deze eenige dagen daarna op de Thames zijne krachten op +de lange baan beproeven, en wel op den wedstrijd "_for the Wingfield +sculls and the amateur Championship of the Thames_," die jaarlijks op +de Putney-Mortlake baan wordt gehouden om een paar zilveren sculls, +welke in 1830 door ~Mr. H. C. Wingfield~ zijn geschonken. + +Na aldus de drie belangrijkste wedstrijden in Engeland genoemd te +hebben, willen wij ook over andere landen het een en ander zeggen. +En dan verdient in de eerste plaats Duitschland genoemd te worden, +daar in geen ander land het roeien in de laatste jaren z in bloei +is toegenomen als dr. Het aantal roeivereenigingen wordt nog steeds +grooter, de wedstrijden jaarlijks menigvuldiger, de deelneming +voortdurend drukker. + +Dat verschijnsel is te verklaren, wanneer wij zien, hoe personen van +het vorstelijk huis van hunne belangstelling doen blijken door hunne +tegenwoordigheid op wedstrijden, door het uitloven van prijzen en--door +zelven aan den roeisport een werkzaam aandeel te nemen. + +Ook komt de eer van dien vooruitgang voor een groot gedeelte toe aan +het in 1883 opgerichte weekblad, de "_Wassersport_", door ~Carl Otto~ +te Berlin uitgegeven. Sedert alle roeivereenigingen van het duitsche +rijk in datzelfde jaar tot den "_Deutschen Ruderverband_" toetraden en +genoemd blad tot haar officiel orgaan verklaarden, heeft het steeds +zijne lezers op de hoogte gehouden van alle gewichtige feiten, die op +dat gebied voorvielen, en hoogst belangrijke beschouwingen over het +roeien in zijne kolommen te genieten gegeven. Wij raden dan ook alle +vereenigingen, die op de hoogte willen blijven van den roeisport in het +buitenland, ten zeerste aan om dit blad in het clubgebouw ter lezing te +leggen. + +Op overwinningen tegen buitenlanders kunnen de duitsche roeiers zich +niet zeer beroemen. Hoewel zij in ~Achilles Wild~, die reeds drie jaren +"_die Meisterschaft von Deutschland_" heeft veroverd en haar slechts +ns door een ongeluk aan een ander heeft moeten afstaan, een goed +sculler bezitten, zoo is deze in Engeland nog steeds verslagen. + +Men moet het in de Frankforter R. G. "_Germania_" toch op prijs stellen, +dat zij de energie hebben zich met de Engelschen te gaan meten. In 1880 +dong een achtriems van deze club te Henley mede naar den prijs, in 1881 +en 1883 ~Wild~ in de sculling, terwijl in 1884 ~Dr. W. R. Patton~ van +de Clner R. C. en ~J. Bungert~ van de Mannheimer R. C. hunne krachten +aldaar beproefden. Alles tevergeefs: de _diamond sculls_ zijn in +Engeland gebleven en het eenige succes, waarop de Duitschers zich +beroemen kunnen, is, dat ~Wild~ den champion van Frankrijk, die ook +deelnam, heeft verslagen. + +En dat zegt veel: want ~Lein~ heeft zich als sculler een goeden naam +verworven en gedurende acht jaren den titel "_Champion de France_" +gevoerd. + +In 1883 nam de _Club Nautique de Gand_ aan verscheidene nummers van den +grooten wedstrijd te Frankfort deel en behaalde bij allen den eersten +prijs. + +Jammer is het, dat de haat tegen de Duitschers zich bij de Franschen tot +in den sport heeft vastgeworteld: een paar voorbeelden hiervan willen +wij mededeelen. + +Een Berlijner had aan een bootbouwer te Parijs eenige teekeningen +besteld, welke deze in verschillende sportbladen had geadverteerd. In +plaats van de gevraagde platen ontving de Duitscher een brief met de +mededeeling, dat de schrijver als oud-kavallerist dacht deel te nemen +aan het innemen van Berlijn en dan meteen de teekeningen zou +medebrengen. + +Eenige jaren geleden lieten twee duitsche scullers zich inschrijven voor +het championnaat van Frankrijk, dat internationaal is. Zij werden echter +door het komitee afgewezen op grond, dat het voor de handelingen van het +plebs van Parijs niet kon instaan bij eene mogelijke overwinning van een +Duitscher. + +Wij herhalen het: jammer, dat zelfs de sport onder de politiek lijden +moet! + +De Franschen hebben, behalve den wedstrijd om het championnaat, nog +een roeifeest, dat even als de _university-race_ in Engeland, duizende +toeschouwers lokt: dit is de "_match annuel en outrigger huit +rameurs_" tusschen de _Rowing Club_ en de _Socit Nautique de la +Marne_. + +De club, die tegenwoordig in Frankrijk wel het meest van zich doet +hooren, is de _Cercle de l'Aviron_ te Parijs. Jaarlijks ondernemen de +roeiers van die vereeniging tallooze tochten naar Belgi, Itali en +Zwitserland, en hunne jaarverslagen wijzen telken jare geheele lijsten +van overwinningen aan. + +Zoo zien wij, dat ook in Frankrijk de roeisport vooruitgaat en in eere +is. Voorwaar een verblijdend verschijnsel, als wij weten, dat aldaar +vroeger het woord "_canotier_" een scheldnaam was, gelijkstaande met +"_leeglooper_", "_deugniet_" en dergelijke lieflijkheden. Dit verhaalt +ons tenminste de schrijver van het werkje, dat den tocht van drie +fransche roeiers door Nederland beschrijft, en dat ieder met genoegen +zal lezen. Het draagt tot titel "_En canot de Douai au Helder_" en is +in 1880 te Parijs uitgegeven. + +In Belgi ziet het er, zoo men de bladen op dat gebied aldaar moet +gelooven, in de roeiwereld tegenwoordig niet zoo rooskleurig uit. +Fransche en nederlandsche ploegen hebben zich in de laatste jaren +herhaaldelijk de meerderen in het roeien betoond op wedstrijden, waaraan +Belgen deelnamen. Maar wat erger is en noodwendig belemmerend op den +vooruitgang van den sport in dat land moet werken: er heerscht tusschen +de vereenigingen geen vriendschappelijke geest; vooral de brusselsche +roeiclubs zijn voortdurend met elkaar op een gespannen voet. + +Gent was in de laatste jaren steeds aan het hoofd bij wedstrijden en +hare roeiers waren alom gevreesd, doch ook de _Club Nautique Gantois_ +deed in 1885 weinig meer van zich hooren. + +Moge daar in dien toestand spoedig verbetering komen! Er zijn althans +mannen genoeg, die zich alle mogelijke moeite geven tot verheffing van +den edelen roeisport. + +Ene zaak is er, die, onzes inziens, zoowel in Frankrijk als in Belgi +een nadeeligen invloed zal uitoefenen. Wij bedoelen de gewoonte, dat +raceroeiers de prijzen, die zij behalen, zelven behouden, daar zij +ook zelven hunne racebooten moeten aanschaffen en voor eigen kosten de +wedstrijden mogen bezoeken. Deze instelling moet slecht werken, daar eer +en onbaatzuchtigheid dikwijls zullen moeten plaats maken voor winstbejag +en hebzucht. + +Alles, wat wij tot dusver hebben medegedeeld, betrof slechts amateurs +d. w. z. roeiers, die het roeien slechts uit liefhebberij beoefenen en +er geene broodwinning van maken. Dat is nu wel zeer kort gezegd, maar +toch is er heel wat papier verbruikt, vrdat men het ns was over +de definitie; tenminste in landen waar eene grens tusschen amateurs +en professionals of roeiers van beroep noodig was: want in Nederland +bestaat eene zoodanige definitie niet, omdat zij tot nog toe niet +noodig is geweest. Wij laten de definities, die in Engeland, Frankrijk +en Duitschland zijn aangenomen, hier volgen. + +_Definition of an Amateur._ + + "An amateur oarsman or sculler must be an officer of Her + Majesty's army or navy or civil service, a member of the liberal + professions, or of the Universities or Public schools, or of any + established Boat- or Rowing-Club not containing mechanics or + professionals; and must not have competed in any competition for + either a stake, or money, or entrance-fee, or with or against + a professional for any prize; nor have ever taught, pursued, + or assisted in the pursuit of athletic exercises of any kind + as a means of livelihood; nor have ever been employed in or + about boats or in manual labour; nor be a mechanic, artisan, + or labourer." + +_Henley Definition. April 8, 1879._ + + "No person shall be considered an amateur oarsman or sculler: + First, who has ever competed in any open competition for a stake, + money, or entrance fee; secondly, who has ever competed with + or against a professional for any prize; thirdly, who has ever + taught, pursued, or assisted in athletic exercises of any kind as + a means of gaining a livelihood; fourthly, who has been employed + in or about boats for money or wages; fifthly, is or has been by + trade or employment, for wages, a mechanic, artisan or labourer." + +_Classification des rameurs._ + + "Ne seront admis dans les courses d'amateurs, que les rameurs + amateurs faisant partie des Socits invites. + + Ne sont pas amateurs: + + 1. Les watermen, c'est--dire les rameurs, faisant profession de + courir. + + 2. Les rameurs courant ou ayant couru gages. + + 3. Les marins, mariniers, passeurs, pcheurs par tat, gardiens + de garages, ouvrier constructeurs de bateaux, enfin toutes les + personnes, tirant leur moyen d'existence d'une faon habituelle + et continuelle dans les chantiers de construction et sur les + bateaux." + +_Deutscher Amateur-Begriff._ + + "Amateur ist Jeder, der das Rudern nur aus Liebhaberei mit + eigenen Mitteln betreibt oder betrieben hat und dafr keinerlei + Vermgensvortheile in Aussicht hat oder hatte, weder als Arbeiter + seinen Lebensunterhalt lediglich durch seiner Hnde-Arbeit + verdient, noch in irgend einer Weise beim Bootbau beschftigt + ist. Wer um Geldpreise startet oder nach dem 1 Januar 1884 + gestartet hat, wird nicht als Amateur betrachtet." + +Wij weten alzoo wat _professionals_ zijn en willen eens nagaan, welke +merkwaardige feiten in Engeland, Amerika en Australi onder hen zijn +voorgevallen. In andere landen namelijk, waar het roeien nog niet door +de lagere standen beoefend wordt, komt het professionalroeien niet voor. +Want de beroemdste professionals zijn grootendeels menschen uit de +volksklasse en worden, wanneer zij het tot zekere hoogte in de kunst +gebracht hebben, meestal door rijke bewonderaars in staat gesteld om +er zich geheel aan te wijden, zoodat men, lezende dat twee personen om +duizend pond sterling geroeid hebben, niet denken moet, dat zij hierbij +zelven deze som op het spel hebben gezet; die gelden zijn dan door de +_backers_ van elke partij bijeengebracht. Zooals hier een sportsman +zijne paarden op een wedren laat loopen, zoo hebben clubs, bestaande uit +rijke Amerikanen, hunne roeiers. + +Hierop zijn natuurlijk uitzonderingen: ook amateurs, die het ver hebben +gebracht, worden somtijds professionals, doordien zij zich met andere +beroepsroeiers hebben gemeten. + +In Engeland zijn jaarlijks ook voor deze klasse van roeiers bepaalde +wedstrijden, zooals de sedert 1854 bestaande _Thames National Regatta_ +en de in 1868 gestichte _Thames Regatta_. Dan zijn er vooral in Amerika +rijke liefhebbers, die dergelijke wedstrijden laten houden: zelfs de +"_Hop Bitters Company_" heeft reeds meermalen 5000 Dollars voor dat +doel geschonken! Wel een echt amerikaansche manier om reclame te maken, +waartegen de "maandbladen tegen de kwakzalverij" bezwaarlijk zullen +kunnen concurreeren. Op dezelfde wijze voerde genoemde _Company_ hare +geneesmiddelen in 1879 in Engeland in. + +De meeste wedstrijden tusschen professionals hebben plaats tengevolge +van eene uitdaging van een der beide partijen om eene bepaalde som. + +Tot 1876 had altijd een Engelschman den titel "_Championsculler of the +World_" gevoerd, doch in dat jaar werd ~J. H. Sadler~ door den beroemden +Australir ~E. Trickett~ verslagen, die door deze zege "_the Championship +of the World_" en 400 mede naar zijn vaderland nam. + +Deze sculler werd in 1851 te Greenwich aan de Paramatta geboren. In 1875 +werd hij "_Champion of Australia_" en in 1876 bracht een ondernemend en +rijk hotelhouder uit Sidney hem naar Engeland en deed hem daar tegen +den engelschen champion ~Sadler~ in 't strijdperk treden. + +Na het aldaar behaalde succes bevocht hij vele nieuwe lauweren, tot hij +in 1879 op de _Sidney-Regatta_, waaraan hij ziek deelnam, door een ander +bekend Australir ~Laycock~ geslagen werd. + +Na zijne herstelling bewees hij dezen echter duidelijk zijne +meerderheid. + +Toch zou hij den trotschen titel niet lang meer behouden. + +Doch niet meer uit Engeland dreigde voor hem het gevaar: een Amerikaan +zou het zijn, die de eer van "den besten roeier der wereld te bezitten" +van Australi op Canada moest overbrengen. + +Deze man was ~Edward Hanlan~. + +Hij werd den 12den Juli 1855 te Toronto geboren en behaalde in 1873 +zijne eerste overwinning op een match om het "_Amateur Championship in +the Toronto Bay_." Hij werd daarop professional. In 1877 daagde ~Wallace +Ross~, de gevierde sculler der United States, alle roeiers van Canada uit +om een match van 5 mijlen met hem te roeien om 1000 dollars. ~Hanlan~ nam +dit aan en won gemakkelijk. + +Deze zege, die hem tot "_Champion of Canada_," maakte, deed opeens +aller oogen op hem vestigen, zoodat zich te Toronto een _Hanlan-Club_ +vormde, die zijne verdere leiding op zich nam. Nu had ~Hanlan~ voor +niets meer te zorgen. De Club sloot alle overeenkomsten voor hem, +zorgde op de mildste wijze voor zijne behoeften, betaalde zijne reis- +en verblijfkosten, gaf hem de beste trainers, kortom, beschouwde hem +als haar dierbaarst kleinood. + +In 1878 sloeg hij den New-Yorker sculler ~Plaisted~ om 2000 Doll., dan +~Evan Morris~ om 1000 Doll. en het _Championship_ van geheel Amerika, +daarop nogmaals ~Wallace Ross~ en eindelijk ~Courtney~. + +In 1879 ging hij naar Engeland om tegen den engelschen champion ~W. +Elliott~ te roeien. + +Daar het er de _Hanlan-Club_ om te doen was zooveel mogelijk geld uit +de zaak te slaan, sloten zij vooraf eene overeenkomst, volgens welke +~Hanlan~ eerst met ~Hawdon~, een engelsch sculler van den tweeden rang, +zou roeien, terwijl de overwinnaar in dezen match zich met ~Elliott~ +zou meten. De list gelukte volkomen: de Engelschen, die ~Hanlan~ +niet kenden, wedden los en vast op hun champion, en de heeren van de +_Hanlan-Club_, die allen waren overgekomen, namen alle weddenschappen +aan. + +Toen ~Hawdon~ met gemak was verslagen, vermoedden de Engelschen nog +niets, daar ~Hanlan~ hierbij zich niet had behoeven in te spannen, +zoodat zij voortgingen met op ~Elliott~ te wedden. Maar daar versloeg +hij op den 16den Juni zonder de minste moeite ook ~Elliott~, waardoor +hij den "_Sportsman Challenge Cup_" en 400 veroverde, benevens het +"_Championship of England_", en met stroomen vloeide het engelsche goud +in de zakken der Amerikanen. + +Bij zijne terugkomst te Toronto werd hij feestelijk ingehaald door eene +deputatie met den burgemeester aan het hoofd, en de burgers schonken hem +een huis van 20,000 Doll. + +In 1880 veroverde hij door zijne overwinning op ~Trickett~ het +"_Championship of the World_." Deze match had plaats op de Thames en +staat in de annalen van het roeien als een der gewichtigste feiten +opgeteekend. Uit drie werelddeelen stroomden belangstellenden te samen +om den strijd te aanschouwen, en het moet voor de Engelschen een +beschamend gezicht zijn geweest op hunne oude Thames een Amerikaan en +Australir om den titel te zien strijden, dien vroeger een der hunnen +bezat. + +Doch na 1876 hadden de Engelschen, wat het professionalroeien betreft, +zich nooit meer kunnen opheffen. + +In 1881 sloeg hij ~Laycock~, die intusschen ~Trickett~ overwonnen had en +het daarom ook tegen ~Hanlan~ meende te kunnen opnemen, met het meeste +gemak en wederom op de Thames. + +In 1882 stak hij nogmaals naar Engeland over en versloeg er den +engelschen Champion ~Boyd~ en ~Trickett~ nogmaals. + +In 1883 won hij het in Amerika tegen ~Kennedy~, ~W. Ross~ en vele anderen. + +In Mei 1884 versloeg hij nogmaals ~Laycock~. + +Doch ditzelfde jaar zou noodlottig voor hem worden en zijne gelukszon +zien ondergaan. + +Het bericht in de "_Wassersport_" over zijne nederlaag begon met de +woorden: + + "Es fiel ein Stern herunter + Aus seiner funkelnden Hh'" + +En zoo was het. ~Hanlan~ had eindelijk zijn meester gevonden. + +Het was ~William Beach~, die hem op de Paramatta bij Sidney versloeg +om 500 en het _Championship of the World_ op den 16den Aug. 1884. +Wel is waar bevocht hij den 7den Febr. 1885 terzelfde plaatse weer de +overwinning tegen den Australir ~Clifford~ om 1000 en gaf daardoor +zijne landgenooten hoop, dat hij ook tegen ~Beach~ bij een tweeden match +zou kunnen stand houden, doch deze verwachting werd niet vervuld. Den +28sten Maart 1885 werd hij wederom door ~Beach~ geslagen, die thans den +_Championtitel_ voert. + +~Beach~ is den 6den Sept. 1852 geboren en woont te Dapto, Illawara. +Van beroep is hij smid en gelukkige vader van zes kinderen. Zijn +lichaamskracht moet buitengewoon zijn. Vr zijn match met ~Hanlan~ +had hij de beroemdste scullers van Australi verslagen. + +Den 24sten Oct. 1885 leed ~Hanlan~ zijne derde nederlaag op de Hudson. +Thans was het ~John Teemer~, een nog jong en veelbelovend amerikaansch +sculler, die hem overwon. + +Daar ~Beach~ niet veel van reizen en trekken schijnt te houden, zullen +~Teemer~ en ~Ross~ wel de helden van het naderend seizoen zijn. Met de +Engelschen behoeven zij althans geen rekening te houden, daar ~Ross~ nog +den 10den Maart 1884 den besten engelschen roeier ~Bubear~ uit Putney +versloeg, dien hij zelfs 10 sekonden had vrgegeven. + + * * * * * + +Werpen wij thans een blik op ons land. + +Op pag. 17 van zijn _Handbuch des Rudersport_ houdt ~V. Silberer~ eene +lange lofrede op de "_Allgemeine Sport-Zeitung_," die sedert 1880 te +Weenen het licht ziet, en--waarvan hij zelf uitgever is. Om nu nog niet +eens te spreken van het andere fraais, dat hij er van verhaalt, wil +ik op n volzin wijzen. Van het (dus: zijn) blad sprekend zegt hij: +"_welche heute das erklrte Central-Organ des gesammten Rudersportwesens +in Deutschland, Oesterreich, Holland, Russland und der Schweiz bildet_". + +Wij zijn met den roeisport in twee van deze vijf rijken bekend, en in +Duitschland is het _Central-Organ des gesammten Rudersportwesens_ niet +de _A. Sportzeitung_, maar de _Wassersport_; terwijl Nederland zijn +_Nederlandsche Sport_ heeft. Op de drie overblijvende landen zal dus ook +wel iets af te dingen zijn. + +Het eerste nummer der "_Nederlandsche Sport_" zag den 11den Maart 1882 +het licht. Hoewel het aan alle takken van sport is gewijd en stukken +over paardrijden en honden de meeste ruimte gewoonlijk in beslag nemen, +zoo staan hare kolommen toch ook voor de roeiers steeds open; mochten +dezen toch wat meer van deze gastvrijheid gebruik maken! + +In de eerste nummers gaf de "_Sport_" eenige mededeelingen over het +ontstaan der oudste roeivereenigingen in Nederland. Wij ontleenen +daaraan de volgende bizonderheden. + +In 1846 werd te Rotterdam onder voorzitterschap van ~Prins Hendrik der +Nederlanden~ "_de Koninklijke Nederlandsche Yacht-Club_" opgericht, +waarvan ook vele Amsterdammers lid werden. Spoedig ontstond er tusschen +de Rotterdammers, die ~Prins Hendrik~ aan hun hoofd hadden, en de +Amsterdammers geschil, waarop deze laatsten hun ontslag namen. Deze +vereeniging bestaat thans niet meer. + +In 1847 werd daarop te Amsterdam "_de Koninklijke Nederlandsche Zeil- en +Roeivereeniging_" opgericht, waarvan in het volgend jaar ~Koning Willem +II~ het beschermheerschap aanvaardde. Reeds op 30 Sept. 1848 hield deze +vereeniging haar eersten wedstrijd op het IJ. + +In 1848 werd de R. en Z. V. "_de Hoop_" te Amsterdam gesticht, wier +leden in datzelfde jaar den prijs, bestaande uit een door ~Prins +Hendrik~ geschonken beker, wonnen tegen twee rotterdamsche ploegen. +Deze wedstrijd werd den 12den Aug. 1848 te Rotterdam gehouden en is de +eerste giekenwedstrijd in ons land geweest. + +In 1851 werd daarop te Rotterdam de Z. en R. V. "_de Maas_" opgericht. + +Het IJ, de Maas en de Amstel waren nu weldra getuigen van vele +wedstrijden tusschen deze beide vereenigingen, wier ploegen binnen +korten tijd ook in Belgi (vooral te Antwerpen en Namen) en in Frankrijk +tallooze overwinningen behaalden. + +Toch duurde het lang, voordat nieuwe clubs naast de bestaande verrezen. +Eerst het jaar 1874 gaf aan verscheidene nieuwe vereenigingen tegelijk +het leven; en na dat jaar werd het getal grooter en grooter en neemt +nog jaarlijks toe. Zonderling is het echter dat zij steeds zijn beperkt +gebleven tot het midden van ons land; in het noorden en zuiden wordt het +roeien weinig of niet beoefend. + +Vooral op de laatste jaren kunnen de nederlandsche roeiers met trots +terugzien: 1883, 1884 en 1885 zagen daar, waar Nederlanders en vreemden +tegen elkaar kampten, steeds de eersten de zege behalen; jammer alleen, +dat wij, door ons verzet tegen den outrigger, van de engelsche races +kunnen wegblijven. + +Ook het inwendige, de verhouding onderling is bij ons beter dan in den +vreemde. + +De _Nederlandsche_ Sport bevat geene hatelijke stukken, die door +afgunst zijn in de pen gegeven, geene kleingeestige haarklooverijen, +waardoor verslagene roeiers hunne nederlaag tot eene overwinning +trachten te maken, geene berichten van vijandelijkheden in dezelfde +club. + +Onze amateurs zijn ook als roeiers gentlemen. + +De _Koninkl. Ned. Zeil- en Roeivereeniging_ wordt dikwijls en terecht +de moeder der nederlandsche roeivereenigingen genoemd. Want niet +alleen is zij de oudste en worden hare jaarlijksche wedstrijden als +de belangrijkste van het seizoen beschouwd, ook in een ander opzicht +betoont zij zich eene zorgzame moeder voor hare kinderen. + +Toen in 1885 eene zaak van algemeen belang voor de nederlandsche +roeivereenigingen het gemis aan een gemeenschappelijken band deed +gevoelen, riep zij afgevaardigden van alle clubs tot eene vergadering te +Amsterdam samen; en de zaak werd na onderlinge overweging tot een goed +einde gebracht. Het gold toen de stuurmanskwestie, waarop wij nader +zullen terugkomen. + +Deze vergadering had het nut van dergelijke bijeenkomsten z duidelijk +doen uitkomen, dat zij nu jaarlijks plaats vindt. Ook op die van +1886 werd een belangrijk voorstel aangenomen: de instelling van een +nederlandsch kampioenschap in single-sculling outrigged. + +Nadat dit in principe was besloten, verklaarden zich een twintigtal +heeren bereid om dien wedstrijd, zoowel de leiding als de kosten, geheel +op zich te nemen, en er een schoonen prijs voor uit te loven, die drie +achtereenvolgende jaren moet gewonnen worden alvorens het eigendom te +worden van den overwinnaar. + +Zij verbonden er echter de voorwaarde aan, dat de wedstrijd steeds bij +Amsterdam zou plaats vinden en internationaal moest zijn. + +Tegen het eerste bestond natuurlijk geen bezwaar. De vergadering +verzocht echter om den wedstrijd althans de eerste keeren slechts voor +nederlandsche scullers open te stellen. + +Volgens onze meening ware het beter een wedstrijd om het kampioenschap +van Nederland ook alleen voor Nederlanders te houden. Het doel van eene +dergelijke race is immers: te zien wie van de nederlandsche scullers de +beste is. + +Het is daarom onze hoop, dat de milde gevers hiertoe nog mogen +besluiten. + + * * * * * + +Ook ons land heeft sedert eenige jaren zijne universiteitswedstrijden. + +In Leiden was in 1874 de Studenten-Roeivereeniging "_Njord_" opgericht, +en in 1876 zag te Delft de Studenten-Roeivereeniging "_Laga_" het licht. + +In 1878 vond, op eene uitdaging van Leiden, aldaar de eerste wedstrijd +tusschen beide clubs in vierriemsgieken (vaste banken) plaats, die met +de overwinning van Delft eindigde. + +In 1880 gaf _Njord_ een internationalen wedstrijd en verbond hieraan +wederom eene race voor Studenten-Roeivereenigingen, waarin Delft +nogmaals met 10 sekonden de zege behaalde. + +Bij dezen wedstrijd roeide Delft op sliding-seats, terwijl Leiden ook +eene boot met sliding-seats had, doch de slidings had vastgezet, wijl de +ploeg aan vaste banken de voorkeur gaf. + +In 1881 had de wedstrijd te Delft plaats; beide partijen roeiden op +sliding-seats, Delft in eene boot van ~Dossunet~, Leiden in eene van +~Clasper~. Voor de derde maal was Delft de eerste met een voorsprong van +12 seconden. + +In 1882 dong ook de inmiddels opgerichte Studenten-Roeivereeniging +"_Triton_" uit Utrecht mede. De wedstrijd had plaats te Leiden en de +uitslag was, dat Leiden de overwinning behaalde. Delft kwam 35 seconden +later als tweede aan en Utrecht bleef 18 sekonden achter Delft. + +In 1883 werd door de drie vereenigingen de "_Nederlandsche +Studentenroeibond_" opgericht. Het bestuur hiervan bestaat uit zes leden +(van elke vereeniging twee), dat jaarlijks op een onzijdig terrein een +wedstrijd doet houden. Er wordt geroeid in vierriemsgieken, bemand door +de beste roeiers van elke vereeniging. Zoo vond in datzelfde jaar nog +de eerste race van den bond te Oudshoorn plaats op een baan van 3400 M. +met een omvaartsboei op de helft der baan. + +Bij de boei was Leiden eenige lengten vr Utrecht, Utrecht evenveel +vr Delft, toen er tusschen beide laatsten aanvaring plaats vond, +zoodat Leiden alln aan de winboei kwam, en den prijs verkreeg. Deze +bestaat uit het eerediploma en vijf gouden medailles, waaraan door ~Mr. +J. Cohen Stuart~, eerelid van _Njord_, jaarlijks een kunstvoorwerp +ter waarde van 100 gulden onder den naam "_Oprichtersprijs_" wordt +toegevoegd. + +In 1884 had de wedstrijd wederom te Oudshoorn plaats. Het bestuur +had nu besloten om er ook races voor seniores in tweeriems- en voor +juniores in vierriems en tweeriems aan toe te voegen om der wille van +het publiek. Het nummer "_Oude vier_" bleef echter het hoofdnummer, +_de universityrace_. De prijs werd wederom door Leiden behaald, dat +4 sekonden vr Utrecht en 36 sekonden vr Delft den winning-post +bereikte. + +De baan was even lang als het vorige jaar, maar thans zonder draaiboei. + +In 1885 werd de strijd op het Noorder-Spaarne bij Haarlem gestreden. Het +hoofdnummer werd weder op eene rechte baan, die van Spaarndam naar de +stad liep, geroeid en zag Leiden als overwinnaar uit den strijd komen. +Leiden legde de baan 18 sekonden sneller af dan Utrecht en 30 sekonden +sneller dan Delft. + +Gedurende de vier laatste jaren bezigden alle drie clubs gieken van +~Dossunet~. + +Ook in 1886 is besloten den wedstrijd ter zelfder plaatse te houden, die +daarvoor dan ook alle voordeelen aanbiedt. + +Hoewel de drie clubs natuurlijk ook op andere wedstrijden meermalen +hunne krachten hebben gemeten, zullen wij dezen, evenmin als de +bijnummers op de universiteitswedstrijden, hier opsommen, daar het +ons slechts te doen is om in 't kort na te gaan de resultaten van de +nederlandsche "_Varsity_." + +Moge zij weldra evenveel belangstelling in Nederland ondervinden als de +Oxford-Cambridge race in Engeland geniet; en het lichtblauw van Leiden, +het rood van Delft, het donkerblauw van Utrecht op het jaarlijksche +roeifeest de borst sieren van duizenden en duizenden van belangstellende +toeschouwers! Dat zij zoo! + +[Decoratieve illustratie] + + + UITSLAG VAN WEDSTRIJDEN, + die in het eerste hoofdstuk zijn besproken. + + +Oxford and Cambridge Eight-Oared Race. + +De baan was in 1829 te Henley, in 1836 tot en met 1842 van Westminster +naar Putney, daarna van Putney naar Mortlake. + + Jaar. Overwinnaar. Tijd. Gewonnen met + + 1829 Oxford 14{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} gemakkelijk. + 1836 Cambridge 36{~PRIME~} 1{~PRIME~} + 1839 Cambridge 31{~PRIME~} 1{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~} + 1840 Cambridge 26{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} {~VULGAR FRACTION TWO THIRDS~} L. + 1841 Cambridge 32{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} 1{~PRIME~} 4{~DOUBLE PRIME~} + 1842 Oxford 30{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~} + 1845 Cambridge 23{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} + 1846[1] Cambridge 21{~PRIME~} 5{~DOUBLE PRIME~} 2 L. + 1848 Cambridge 22{~PRIME~} 3 L. + 1849 Oxford -- aanvaring. + 1852 Oxford 21{~PRIME~} 36{~DOUBLE PRIME~} 27{~DOUBLE PRIME~} + 1854 Oxford 25{~PRIME~} 29{~DOUBLE PRIME~} 11{~DOUBLE PRIME~} + 1856 Cambridge 25{~PRIME~} 50{~DOUBLE PRIME~} L. + 1857 Oxford 22{~PRIME~} 50{~DOUBLE PRIME~} 35{~DOUBLE PRIME~} + 1858 Cambridge 21{~PRIME~} 23{~DOUBLE PRIME~} 22{~DOUBLE PRIME~} + 1859 Oxford 24{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} C. gezonken. + 1860 Cambridge 26{~PRIME~} 1 L. + 1861 Oxford 23{~PRIME~} 27{~DOUBLE PRIME~} 48{~DOUBLE PRIME~} + 1862 Oxford 24{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} + 1863 Oxford 23{~PRIME~} 5{~DOUBLE PRIME~} 42{~DOUBLE PRIME~} + 1864 Oxford 21{~PRIME~} 48{~DOUBLE PRIME~} 23{~DOUBLE PRIME~} + 1865 Oxford 21{~PRIME~} 23{~DOUBLE PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~} + 1866 Oxford 25{~PRIME~} 48{~DOUBLE PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~} + 1867 Oxford 22{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} L. + 1868 Oxford 21{~PRIME~} 6 L. + 1869 Oxford 20{~PRIME~} 20{~DOUBLE PRIME~} 5 L. + 1870 Cambridge 22{~PRIME~} 33{~DOUBLE PRIME~} 1 L. + 1871 Cambridge 23{~PRIME~} 5{~DOUBLE PRIME~} 1 L. + 1872 Cambridge 21{~PRIME~} 16{~DOUBLE PRIME~} 2 L. + 1873[2] Cambridge 19{~PRIME~} 35{~DOUBLE PRIME~} 3 L. + 1874 Cambridge 22{~PRIME~} 39{~DOUBLE PRIME~} 3 L. + 1875 Oxford 22{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~} 10 L. + 1876 Cambridge 20{~PRIME~} 20{~DOUBLE PRIME~} 8 L. + 1877 dead heat 24{~PRIME~} 8{~DOUBLE PRIME~} + 1878 Oxford 22{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~} 10 L. + 1879 Cambridge 21{~PRIME~} 18{~DOUBLE PRIME~} 4 L. + 1880 Oxford 21{~PRIME~} 23{~DOUBLE PRIME~} 4 L. + 1881 Oxford 21{~PRIME~} 51{~DOUBLE PRIME~} 3 L. + 1882 Oxford 20{~PRIME~} 12{~DOUBLE PRIME~} L. + 1883 Oxford gemakkelijk 3 L. + 1884 Cambridge 21{~PRIME~} 39{~DOUBLE PRIME~} 3 L. + 1885 Oxford 21{~PRIME~} 36{~DOUBLE PRIME~} 3 L. + 1886 Cambridge 22{~PRIME~} 39{~DOUBLE PRIME~} L. + +[1] Voor den eersten keer in outriggers. + +[2] Voor den eersten keer met sliding-seats. + + +Henley-on-Thames Royal Regatta + +_Diamond Challenge Sculls, for Scullers._ + + Jaar. Winner. Tijd. + + 1844 Bumpsted, Seullers's Club, London 10{~PRIME~} 32{~DOUBLE PRIME~} + 1845 Wallace, Leander 10{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} + 1846 Moon, Magdalen Coll., Oxford. + 1847 Maule, First Trinity, Cambridge 10{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~} + 1848 Bagshawe, Third Trin. Cambridge. + 1849 T. R. Bone, London. + 1850 T. R. Bone, Meteor C., London. + 1851 E. G. Peacock, Thames C., London. + 1852 E. Macnaghten, First Trin., Cambridge. + 1853 Rippingall, Peterhouse, Cambridge 10{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~} + 1854 H. H. Playford, Wandle C., London. + 1855 A. A. Casamajor, Argonauts C., London. + 1856 A. A. Casamajor, Argonauts C., London 9{~PRIME~} 27{~DOUBLE PRIME~} + 1857 A. A. Casamajor, London R. C. + 1858 A. A. Casamajor, London R. C. + 1859 E. D. Brickwood, Richmond 10{~PRIME~} + 1860 H. H. Playford, London R. C. 12{~PRIME~} 8{~DOUBLE PRIME~} + 1861 A. A. Casamajor, London R. C. 10{~PRIME~} 4{~DOUBLE PRIME~} + 1862 E. D. Brickwood, Richmond 10{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} + 1863 C. B. Lawes, Third Trin., Cambridge 9{~PRIME~} 43{~DOUBLE PRIME~} + 1864 W. B. Woodgate, Brasenose Coll., Oxford 10{~PRIME~} 3{~DOUBLE PRIME~} + 1865 E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford 9{~PRIME~} 11{~DOUBLE PRIME~} + 1866 E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford 9{~PRIME~} 55{~DOUBLE PRIME~} + 1867 W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford 10{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~} + 1868 W. Stout, London R. C. 9{~PRIME~} 6{~DOUBLE PRIME~} + 1869 W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford 9{~PRIME~} 56{~DOUBLE PRIME~} + 1870 J. B. Close, First Trinity, Cambridge 9{~PRIME~} 43{~DOUBLE PRIME~} + 1871 W. Fawcus, Tynemouth R. C. 10{~PRIME~} 9{~DOUBLE PRIME~} + 1872 C. C. Knollys, Magdalen Coll., Oxford 10{~PRIME~} 48{~DOUBLE PRIME~} + 1873 A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge 9{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~} + 1874 A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge 10{~PRIME~} 50{~DOUBLE PRIME~} + 1875 A. C. Dicker, Lady Margaret Club 9{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~} + 1876 F. L. Playford, London R. C. 9{~PRIME~} 28{~DOUBLE PRIME~} + 1877 T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford 10{~PRIME~} 20{~DOUBLE PRIME~} + 1878 T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford 9{~PRIME~} 37{~DOUBLE PRIME~} + 1879 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 12{~PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~} + 1880 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 9{~PRIME~} 10{~DOUBLE PRIME~} + 1881 J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford 9{~PRIME~} 28{~DOUBLE PRIME~} + 1882 J. Lowndes, Jesus Coll., Cambridge 11{~PRIME~} 43{~DOUBLE PRIME~} + 1883 J. Lowndes, Kingston R. C. 10{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~} + 1884 W. S. Unwin, Magdalen Coll., Oxford 9{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} + 1885 W. S. Unwin. + + +Wingfield Sculls + +_and the Championship of the Thames._ + + Baan van 1830-1849 Westminster-Putney, + 1849-1861 Putney-Kew, + 1861 Putney-Mortlake. + + 1830 J. H. Bayford. + 1831 C. Lewis. + 1832 A. A. Julius. + 1833 C. Lewis. + 1834 en 35 A. A. Julius. + 1836 H. Wood. + 1837 P. Colquhoun. + 1838 H. Wood. + 1839 H. Chapman. + 1840 en 41 T. L. Jenkins. + 1842 en 43 H. Chapman. + 1844 T. B. Bumpsted. + 1845 H. Chapman. + 1846 C. Russell. + 1847 en 48 J. R. L. Walmisley. + 1849 F. Playford. + 1850 en 51 T. R. Bone. + 1852 E. G. Peacock. + 1853 J. Paine. + 1854 H. H. Playford. + 1855-60 A. A. Casamajor. + 1861 E. D. Brikwood 29{~PRIME~} + 1862 W. B. Woodgate 27{~PRIME~} + 1863 J. E. Parker 25{~PRIME~} + 1864 W. B. Woodgate 25{~PRIME~} 35{~DOUBLE PRIME~} + 1865 E. B. Lawes 27{~PRIME~} 4{~DOUBLE PRIME~} + 1866 E. B. Michell 27{~PRIME~} 26{~DOUBLE PRIME~} + 1867 W. B. Woodgate. + 1868 W. Stout 26{~PRIME~} 52{~DOUBLE PRIME~} + 1869 en 70 A. de L. Long. + 1871 W. Fawcus 26{~PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~} + 1872 C. C. Knollys 28{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} + 1873 en 74 A. C. Dicker 24{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} en 25{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~} + 1875-79 F. L. Playford 24{~PRIME~} 41{~DOUBLE PRIME~} + 1880 A. Payne 24{~PRIME~} 2{~DOUBLE PRIME~} + 1881 J. Lowndes 25{~PRIME~} 13{~DOUBLE PRIME~} + 1882 A. Payne 27{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} + 1883 J. Lowndes. + 1884 en 85 W. S. Unwin 24{~PRIME~} 12{~DOUBLE PRIME~} + + +Championnat de France. + + 1853 tot 1856 Frdric Lowe. + 1857 tot 1861 Louis Armet. + 1862 Edmond Gamby. + 1863 Louis Huot. + 1864-1867 Eug. Frbault. + 1868, 69, 71 tot 75 Rg. Gesling. + 1876 tot 1883 Alex. Lein. + 1884 A. d'Hautefeuille. + 1885 Louis Bidauld. + + +Match annuel + +_entre le Rowing-Club et la Socit Nautique de la Marne_. + + gewonnen met + 1880 Rowing Club 41{~DOUBLE PRIME~} + 1881 Rowing Club 45{~DOUBLE PRIME~} + 1882 S. N. de la Marne 37{~DOUBLE PRIME~} + 1883 S. N. de la Marne 20{~DOUBLE PRIME~} + 1884 Rowing Club 44{~DOUBLE PRIME~} + 1885 Rowing Club 5 L. + + +Meisterschaft von Deutschland. + + 1882 Achilles Wild, Frankfurter R. G. "Germania" + 1883 J. Bungert, Mannheimer R. C. + 1884 Achilles Wild, Frankfurter R. G. "Germania" + 1885 Achilles Wild, Frankfurter R. G. "Germania" + + +Championnat de Belgique. + + 1874 Alfr. Vidrequin, Bruxelles. + 1875 Aug. Bartholom, " + 1876 Hector Donies, " + 1877 Hector Donies, " + 1878 Hector Donies, " + 1879 Hector Donies, " + 1880 Josef Polak, " + 1881 H. Werlemann, " + 1882 Joseph Polak, " + 1883 M. Chaudoir, Lige. + 1884 Trasenster, " + 1885 M. Chaudoir, " + + +NEDERLAND. + + +Universiteitswedstrijd. + + Jaar. Overwinnaar. Plaats. Gewonnen met: + + 1878 Delft, op den Rijn bij Leiden gew. m. ? + 1880 Delft, op den Rijn bij Leiden " " 10{~DOUBLE PRIME~} + 1881 Delft, op de Schie bij Delft " " 12{~DOUBLE PRIME~} + 1882 Leiden, op den Rijn bij Leiden " " 35{~DOUBLE PRIME~} vr Delft, + 53{~DOUBLE PRIME~} vr Utrecht. + 1883 Leiden, Oudshoorn, aanvaring van Delft en Utrecht. + 1884 Leiden, Oudshoorn gew. m. 4{~DOUBLE PRIME~} vr Utrecht, + 36{~DOUBLE PRIME~} vr Delft. + 1885 Leiden, Haarlem " " 18{~DOUBLE PRIME~} vr Utrecht, + 30{~DOUBLE PRIME~} vr Delft. + + +Kampioenschap van Nederland. + + +_Matches of Professionals for the Championship._ + +P. M. = Putney-Mortlake. + +De tusschen haakjes geplaatste naam is die van den overwonnene. + + 1831 (9 Sept.) C. Campbell (C. Williams). + 1846 (19 Aug.) R. Coombes (C. Campbell) P. M. 26{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~} + 1852 (24 Mei) T. Cole (R. Coombes) P. M. 26{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~} + 1854 (20 Nov.) J. Messenger (T. Cole) P. M. 24{~PRIME~} 25{~DOUBLE PRIME~} + 1857 (12 Mei) H. Kelley (J. Messenger) P. M. 24{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} + 1859 (25 Sept.) R. Chambers (H. Kelley) P. M. 25{~PRIME~} 25{~DOUBLE PRIME~} + 1865 (8 Aug.) H. Kelley (R. Chambers) P. M. 23{~PRIME~} 26{~DOUBLE PRIME~} + 1866 (22 Nov.) R. Chambers (J. Sadler) P. M. 25{~PRIME~} 4{~DOUBLE PRIME~} + 1867 (6 Mei) H. Kelley (R. Chambers) op de Tyne 31{~PRIME~} 47{~DOUBLE PRIME~} + 1868 (17 Nov.) J. Renforth (H. Kelley) P. M. 23{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~} + 1874 (17 April) J. H. Sadler (E. Bagnall) P. M. 24{~PRIME~} 15{~DOUBLE PRIME~} + 1875 (15 Nov.) J. H. Sadler (R. W. Boyd) P. M. 28{~PRIME~} 5{~DOUBLE PRIME~} + 1876 (27 Juni) E. Trickett (J. H. Sadler) P. M. 24{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~} + 1877 (19 Maart) R. W. Boyd (W. Nicholsen) + op de Tyne 25{~PRIME~} 40{~DOUBLE PRIME~} + 1877 (28 Mei) R. W. Boyd (J. Higgins) P. M. 28{~PRIME~} 24{~DOUBLE PRIME~} + 1877 (8 Oct.) J. Higgins (R. W. Boyd) P. M. 24{~PRIME~} 10{~DOUBLE PRIME~} + 1878 (14 Jan.) J. Higgins (R. W. Boyd) op de Tyne foul. + 1878 (3 Juni) J. Higgins (W. Elliott) P. M. 24{~PRIME~} 38{~DOUBLE PRIME~} + 1878 (17 Sept.) W. Elliot (R. W. Boyd) P. M. foul. + 1879 (17 Febr.) W. Elliot (J. Higgins) op de Tyne 22{~PRIME~} 1{~DOUBLE PRIME~} + 1879 (16 Juni) E. Hanlan (W. Elliot) op de Tyne 21{~PRIME~} 21{~DOUBLE PRIME~} + 1880 (15 Nov.) E. Hanlan (E. Trickett) P. M. 26{~PRIME~} 12{~DOUBLE PRIME~} + 1881 (14 Febr.) E. Hanlan (E. C. Laycock) P. M. 25{~PRIME~} 41{~DOUBLE PRIME~} + 1882 (3 April) E. Hanlan (R. W. Boyd) op de Tyne 21{~PRIME~} 25{~DOUBLE PRIME~} + 1882 (1 Mei) E. Hanlan (E. Trickett) P. M. 28{~PRIME~} + 1883 (31 Mei) E. Hanlan (J. L. Kennedy) + Point of Pines Canada m. 15 L. + 1883 (18 Juli) E. Hanlan (W. Ross) + Lawrence River U. S. m. 20 L. + 1884 (22 Mei) E. Hanlan (E. C. Laycock) + Melbourne Nep. m. L. in 22{~PRIME~} 45{~DOUBLE PRIME~} + 1884 (16 Aug.) W. Beach (E. Hanlan) Paramatta m. 6 L. in 20{~PRIME~} 29{~DOUBLE PRIME~} + 1885 (7 Febr.) E. Hanlan (Clifford) Paramatta m. 7 L. + 1885 (28 Maart) W. Beach (E. Hanlan) Paramatta m. 10 L. in 22{~PRIME~} 51{~DOUBLE PRIME~} + 1885 (24 Oct.) J. Teemer (E. Hanlan) Hudson Riv. 22{~PRIME~} 11{~DOUBLE PRIME~} + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +TWEEDE HOOFDSTUK. + +DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN. + + + 1. _De Boot._ + +De booten worden in twee hoofdgroepen verdeeld: _outrigged-_ en +_inriggedbooten_. + +Bij ons te lande wordt bijna uitsluitend de laatste soort gebezigd, om +welke reden wij daaraan het meest onze aandacht zullen wijden. + +Daar echter de veranderingen en verbeteringen aan de _outriggedbooten_ +ook op die der tweede soort grooten invloed hebben uitgeoefend, zullen +wij vooraf eene korte beschrijving van _outriggedbooten_ geven. De +snelheid eener boot is afhankelijk van twee hoofdfactoren, n.l. hare +breedte en de lengte van den hefboom des riems. De uitvinding van den +outrigger nu is de eenvoudige oplossing van het probleem: de lengte van +den hefboom onafhankelijk te maken van de breedte der boot, m. a. w. +de boot smaller te kunnen maken, zonder dat het daarbij noodig is den +hefboom te verkorten. ~H. Clasper~ van New-Castle on Tyne heeft in 1841 +deze vraag opgelost door de dollen, in plaats van op het boord, buiten +de boot op een uitstekend ijzeren toestel aan te brengen. + +Naar dit toestel nu, dat den naam _outrigger_ draagt, worden ook de +booten, die er mede voorzien zijn, _outriggers_ genoemd. + +Zij hebben in Amerika en Engeland de oudere bootsoorten op wedstrijden +geheel verdrongen, zijn in Duitschland reeds overal ingevoerd en +beginnen ook in Frankrijk en Belgi het burgerrecht te verkrijgen. +In Nederland is tot nog toe de _single-sculling_ de eenige +vertegenwoordiger van de _outriggers_ op wedstrijden. + +Daar _outriggers_, die voor wedstrijden gebruikt worden, gewoonlijk niet +meer dan een paar centimeter boven het water uitsteken, zijn zij met taf +overdekt, uitgezonderd het gedeelte waarin de roeiers zitten. Dit wordt +door eene kleine verhooging der boorden, het _waschboord_ genaamd, tegen +het binnenslaan der golven beveiligd. + +Bij _inrigged-_ of _rowlockboats_ (_yole-gigs_, _Dollenboote_), bij ons +kortweg _gieken_ geheeten, zijn de dollen niet op outriggers, maar op de +boorden aangebracht. + +De _giek_ is breeder en hooger dan de _outriggers_; breeder, omdat geen +outrigger hierin de lengte van den hefboom onafhankelijk maakt van de +breedte der boot; hooger, omdat zij niet overdekt zijn. Doordat echter +de roeiers niet in het midden der boot, maar tegen de boorden zitten, +kan hierdoor de hefboom weer langer zijn. + +Hoewel, zooals reeds gezegd is, in vele landen op wedstrijden door +den _outrigger_ verdrongen, zal toch ook daar de _giek_ steeds +moeten blijven bestaan voor het oefenen van beginners; want om in een +_outrigger_ te kunnen gaan roeien moet men het tot zekere hoogte in de +kunst gebracht hebben. Bij ons wordt de _giek_ nog altijd op wedstrijden +gebruikt, doch voorzien van allerlei veranderingen en verbeteringen, die +in Engeland in verloop van tijd aan de _outriggers_ werden aangebracht. +Zoo ziet een _racegiek_ (_yole-gig de course_, _Dollenrennboot_), die +men tegenwoordig van fransche of duitsche bootbouwers ontvangt, er +geheel anders uit dan eene echte, oude engelsche _inriggedracingboat_; +de sliding-seat is er in aangebracht, de oude houten dollen zijn door +_swiveling-rowlocks_ vervangen, en deze staan niet meer op het boord, +doch op een naar buiten stekend, op het boord aangebracht stuk hout, +zoodat het eigenlijk geen _inriggers_ meer zijn. En nog worden +er jaarlijks nieuwe veranderingen in aangebracht en worden onze +vereenigingen daardoor jaar op jaar gedwongen zich nieuwe booten aan te +schaffen, zoo zij ten minste op wedstrijden niet door haar materiaal +aan de tegenpartij een voordeel willen verschaffen; en de bootbouwers +wrijven zich de handen van plezier en worden steeds scherpzinniger in +het uitvinden van "_innovations_"; want elke nieuwigheid heeft nieuwe +bestellingen tengevolge. + +Hiertegenover staat, dat wij, de _outriggers_ op onze wedstrijden +invoerende, onze vereenigingen vele kosten zouden besparen, daar het +model van een _outrigger_ niet telkens verandert. + +Maar het grootste voordeel zou zijn, dat wij ook met de Engelschen, tot +dusver de eersten onder de amateurs, onze krachten zouden kunnen meten, +terwijl wij nu met onze _gieken_ op het vasteland kunnen blijven. + +Waarom niet flink en doortastend terstond de _outriggers_ ingevoerd in +plaats van krampachtig aan onze _inriggers_ vast te houden, die toch +eigenlijk geen _inriggers_ meer zijn? + +Wij stellen met onze hybridische _gieken_ nog ns de uitvinding van den +_outrigger_ voor. + +Immers men verhaalt, dat ook de eerste _outrigger_ slechts een houten +toestel was om de dollen naar buiten te brengen, en dat ~Clasper~ hierop +het denkbeeld heeft opgevat om dit toestel te verlengen en uit ijzeren +stangen te vervaardigen. En dat was in 1841! + +Ook bij onze naburen, de Belgen, is de _outrigger_ zeer koel ontvangen +en slechts op enkele "_courses pour embarcations de construction libre_" +verschenen. Toch vindt hij daar ijverige verdedigers, getuige het +jaarverslag over 1885 van de _Cercle des Rgates_ te Brussel, waarin men +leest: "Depuis longtemps les socits des pays voisins nous ont devancs +dans cette voie, et il est rellement fcheux qu'en Belgique certains +cercles persistent dans leurs anciens errements." + +Zoowel _outriggers_ als _inriggers_ ontvangen naar het aantal roeiers, +waarvoor zij bestemd zijn, hun naam. Zoo heet eene boot voor 8, 6, 4 +of 2 roeiers een _achtriems_ (_eight-oar_, _gig huit rameurs_, +_Achtriemer_), _zesriems_, _vierriems_ of _tweeriems_ (_pair-oar_). + +Wanneer de roeier slechts n riem hanteert, zoo heet deze _oar_ +(_aviron de pointe_); roeit hij echter met twee riemen, dan worden deze +_sculls_ (_avirons de couple_) genoemd, de roeier is dan een _sculler_ +en de boot een _scullingboat_. + +Een boot, die slechts voor n roeier bestemd is, heet daarom +_single-scullingboat_. + +Ook komen wel booten voor, die voor meerdere scullers zijn ingericht. + +Booten, die door meerdere roeiers worden voortbewogen, hebben gewoonlijk +een stuurman. + +In Amerika en Engeland worden echter _vierriemsoutriggers_ meestal--en +_tweeriemsoutriggers_ (_pairoars_) altijd door een der roeiers gestuurd. + +De tegenwoordige _single sculling outrigger_, waarin alom om het +"_championship_" geroeid wordt, draagt in Belgi en Frankrijk algemeen +den naam van _skiff_, waaronder vroeger een geheel ander vaartuig werd +verstaan. Toen was het een korte, zware en wijde boot, die eenigszins +het model van eene _wherry_ had. + +De _wherry_ was vr twintig jaren de meest voorkomende boot op de +Thames. Zij gelijkt op een _giek_, maar is zwaarder en korter, terwijl +de boorden, in plaats van over de geheele lengte dezelfde hoogte te +hebben, op de plaatsen, waar de dollen zijn aangebracht, oploopen. Zij +is meestal overnaadsch en dient voor het maken van tochten, zoodat zij +dikwijls ook voor zeilen is ingericht. + + + 2. _Onderdeelen der Boot._ + +Wanneer men zich in eene boot gezeten denkt met het gelaat naar den +voorsteven, evenals de stuurman, dan heet de linkerzijde _bakboord_ +(_port_ of _larboard_, _babord_, _Backbord_)--de rechterzijde +_stuurboord_ (_starboard_, _tribord_, _Steuerbord_). + +Het voorste gedeelte tot aan den eersten roeier wordt de _boeg_ (_bow_, +_Bug_)--het achterste tot aan den stuurman de _achtersteven_ (_stern_) +genoemd; het overige heet _midships_. + +Tot de onderdeelen overgaande hebben wij vooreerst: de _kiel_ (_the +keel_), die bij zware booten aan den binnen- en buitenkant--doch bij +racebooten alleen aan den binnenkant zichtbaar is. Zij vormt geen rechte +lijn, maar is aan de beide uiteinden eenigszins opwaarts gebogen en is +dus als 't ware de ruggegraat der boot. + +Aan beide zijden van de kiel zijn de _ribben_ (_the ribs_, _timbers_ of +_lands_, _die Rippen_) bevestigd. Het is van groot belang, dat de ribben +stevig met de kiel verbonden zijn, daar zij het beloop der zijwanden +aangeven. + +De _waterlijn_ is de streep, die het water op de zijden der boot +afteekent, wanneer deze bemand op het water ligt. Daar elke boot ne +bepaalde ligging op het water heeft, waarbij zij het snelst loopen kan, +is het groot geheim der kunst juist in het vaststellen dier lijn +gelegen. + +Het lichaam zelf der boot bestaat uit lange, smalle, over elkander +sluitende planken, die tegen de ribben genageld zijn. Zulke booten +heeten _overnaadsche-_ of _klinkerbooten_. + +Bij _lichte_ of _gladde booten_, die op wedstrijden gebruikt worden, is +het lichaam uit lange, breede en zeer dunne bladen hout samengesteld. +Deze zijn door stoom gebogen en sluiten z dicht tegen elkander, dat +het geheele uitwendige eene gladde oppervlakte vertoont. + +Deze laatste soort wordt gewoonlijk van amerikaansch cederhout +vervaardigd, terwijl de overnaadsche booten meestal van eiken- of +mahoniehout zijn gemaakt en voor oefen- of pleiziervaartuigen dienen. + +Racebooten worden tegenwoordig z gemaakt, dat zij in twee of drie +stukken kunnen worden uit elkander genomen, hetgeen vooral voor het +vervoer zeer gemakkelijk is en vele kosten bespaart. De Franschen noemen +zulk eene boot _dmontable_, de Duitschers _zusammenlegbar_. + +In Amerika worden racebooten in de laatste jaren ook van papier +vervaardigd; zij moeten ten opzichte van lichtheid, gemakkelijke +reparatie, groote hechtheid, enz. vele voordeelen aanbieden. Door lang +in het water te liggen zal de papieren substantie, al is deze ook nog +zoo hard gemaakt, naar onze meening, echter noodzakelijk water inzuigen. +In Europa zijn zij nog slechts weinig in gebruik om de eenvoudige reden, +dat de Amerikanen de bewerking geheim houden. Al heeft men er dus de +hooge transportkosten voor over om hier zulk eene boot te bezitten, zoo +moet men haar toch bij elke averij in Amerika laten herstellen. + +_Boeg_ (_stem_, _Bug_) heet het voorste gedeelte der boot, dat het water +doorsnijdt, terwijl het achterstuk, waaraan het roer bevestigd wordt, +_achtersteven_ (_stern_ of _afterpart_, _Hintersteven_)--en bij booten, +waarbij dit deel niet scherp uitloopt, maar een klein plat vlak vormt, +_hek_ (_transom_, _Heck_) wordt genoemd. + +De _loopplanken_ liggen altijd los op den bodem der boot om er bij het +schoonmaken te kunnen worden uitgenomen. + +De _spoorplank_ of het _voetbord_ (_stretcher_, _la barre de pied_, +_Stemmbrett_), waartegen men bij het roeien de voeten plaatst, kan +naar gelang van de lengte der beenen verplaatst worden. Hierop is de +_voetriem_ bevestigd, die de voeten van den roeier omsloten houdt en +deze daardoor in de voor- en achterwaartsche bewegingen ondersteunt. +Het is noodzakelijk voor de regelmatigheid dezer bewegingen, dat beide +voeten in voetriemen steken, daar de roeier, zoo slechts n der voeten +door een riem is omvat, na het einde van den slag alle kracht bij het +naar voren komen op die zijde van het lichaam overbrengt. + +_Dollen_ (_rowlocks_, _dames_, _Dullen_) zijn de houten of metalen +pennen, waartusschen de riem bij het roeien ligt. Zij zijn bij +_inriggers_ op de boorden--bij _outriggers_ op de _outriggers_ +aangebracht. De een, waartegen de riem bij het trekken drukt, heet de +_trekdol_ (_thowl_, _dame d'arrt_, _Ruderpflock_), de ander, die bij +het strijken dienst doet, de _strijkdol_ (_stopper_ of _after-thowl_, +_dame de retour_, _Streichpflock_). + +Het houtje, dat tusschen de beide dollen ligt en waarop de riem rust, +heet het _scheerhout_ of _vulhout_ (_filling_, _Dullenlager_ of +_Ftterung_). + +Sedert eenige jaren is men in Amerika op de gedachte gekomen om +beweegbare dollen op scullingbooten te plaatsen. + +[Illustratie: Fig. 1.] + +Het is eene uitvinding, die op het invoeren der sliding-seat +noodzakelijk volgen moest. Terwijl immers hierdoor de roeier werd in +staat gesteld om de sculls veel verder naar voren en achteren te brengen +dan op vaste banken, moesten ook de dollen verder van elkander worden +geplaatst. Dit nu was nadeelig, 1e door de grootere speelruimte, +welke de scull daardoor tusschen de dollen kreeg, en door de daaruit +voortvloeiende onvastheid, en 2e door de grootere wrijving. + +Deze beide bezwaren nu worden door de _draaidollen_ (_swivel rowlocks_) +opgeheven, daar de roeier hierbij zver met zijne sculls reiken kan, +als hij zelf maar wil. + +Van deze draaidollen bestaan tegenwoordig alweer tallooze soorten. Ook +de fransche bootbouwers brengen ze op inriggers aan. Voor een der beste +soorten geldt de "_Davis swivel rowlock_", waarvan ook ~Hanlan~ zich +steeds bediend heeft. (zie fig. 1). + +De _riem_ (_oar_ of _scull_, _aviron_ of _rame_, _Ruder_ of _Riem_) +bestaat uit vier deelen: het _handvat_ (_handle_, _le manche_, _la +poigne_, _Griffe_), het _binneneind_ (_loom_, _Innenhebel_), het +_buiteneind_ (_shank_ of _small_, _Aussenhebel_) en het _blad_ (_blade_, +_pelle_, _Blatt_). + +Op de plaats, waar de riem in de dollen rust, is hij over eene lengte +van 15 cM. met leder bekleed om de wrijving te verminderen; en hierop is +het _stootler_ (_stop_, _Pflock_ of _Knopf_) aangebracht, dat het +uitglijden uit de dollen verhindert. + +Dit stootleer werd gewoonlijk met drie lange draadnagels aan den riem +vastgemaakt, waardoor deze op die plaats zeer verzwakt werd. In de +meeste gevallen, dat riemen werden stukgetrokken, geschiedde dat op die +plaats. Nu heeft een Engelschman ~Young~ in 1885 een middel uitgevonden +om het stootleer zonder spijkers aan den riem te bevestigen, en op zijne +uitvinding patent aangevraagd. De door roeiers uit Londen, Oxford en +Cambridge genomene proeven hebben uitstekend voldaan. + +Ook in de riemen heeft de Amerikaan ~Davis~ in den laatsten tijd eene +verbetering aangebracht. De as der bladen van de door hem vervaardigde +riemen valt niet in het verlengde van den steel, maar vormt hiermede een +hoek, zoodat bij het roeien de bovenkant van het blad evenwijdig is aan +de wateroppervlakte, hoewel de steel van den riem met het watervlak +natuurlijk een stompen hoek maakt. + +Onderstaande figuur geeft een scull te zien, zooals die onder den trek +in het water staat. + +[Illustratie: Fig. 2.] + +De proeven, die de berlijnsche bootbouwer ~Rettig~ in 1885 met holle +riemen heeft genomen, zijn niet bevredigend uitgevallen. + +Het _roer_ (_the rudder_, _la barre_, _das Steuer_), dat met de roerpen +aan den achtersteven wordt verbonden, bestaat uit het blad, en het juk, +aan welks uiteinden de _stuurlijnen_ (_yokelines_, _fils_, +_Steuerleinen_) verbonden zijn. + +De _vanglijn_ (_painter_ of soms _headfast_) is het touw, waarmede de +boot wordt vastgelegd. + +De zitplaatsen blijven ons nog ter bespreking over. + +De zitplaats van den stuurman, stuurbank genoemd, wordt tegenwoordig +aldus in de boot aangebracht, dat men dien naar gelang van het gewicht +van den stuurman kan verplaatsen. + +De _roeibanken_ (_thwarts_, _bancs de nage_, _Ruderbnke_) staan dwars +op de boot en zijn door middel van kniehoutjes aan de boorden bevestigd. + +Gewoonlijk zit de roeier op een aan den bank vastgebonden matje of +kussen om het afglijden en drroeien tegen te gaan. Op wedstrijden +echter lieten de roeiers die kussens weg en gleden op hunne banken +heen en weder om den slag langer te kunnen maken; om deze beweging +te vergemakkelijken werd de zitplaats wel met zeep of vet bestreken, +waarover de roeier dan met eene met leder bekleede broek heen en weer +schoof. + +Bij het scullen was deze methode ongetwijfeld voordeelig; doch bij het +roeien, waarbij 6 10 slagen per minuut mr worden gemaakt, woog het +voordeel van den langeren slag niet op tegen de buitengewone inspanning +der beenen. + +Zoo was de beroemde ploeg van Renforth gewoon op vaste banken te +glijden, wanneer zij op een korten afstand alle krachten aanwendden +(_to make a spurt_, _faire un enlevage_), doch op lange afstanden konden +zij zulks niet volhouden. Ook de vierriemsploeg "~John-o' Gaunt~" van +Lancaster, die in 1870 aan de Henley deelnam, gleed over vaste banken, +en verkreeg op eene korte baan eene groote snelheid; maar de beenen +werden te zeer ingespannen, dan dat zij het lang vermochten vol te +houden. + +Zonderling, dat roeiers, die toch inzagen, dat het gebrekkige in dit +glijden voortkwam uit de wrijving van het lichaam op den bank, niet op +de gedachte kwamen de beweging te vereenvoudigen door den bank tegelijk +met het lichaam te laten glijden. Aan een Amerikaan is de theoretische +toepassing van dit principe te danken. Maar de amerikaansche roeiers, +hoewel schrander genoeg om in te zien dat, zoo het lichaam over den +bank moest glijden, deze beweging gemakkelijker werd door op een +afzonderlijk bankje over den eigenlijken bank heen en weer te gaan, +stelden deze uitvinding niet genoeg op prijs; hetgeen wel hieraan wordt +toegeschreven, dat de Amerikanen in dien tijd bij het roeien bijna allen +hunne armen en schouders gebruiken, zonder aan het gebruik der been- en +lendespieren gewicht te hechten. + +Een ploeg uit het noorden van Engeland, die destijds in Amerika +vertoefde en daar de oplossing van het probleem zag, bracht het +bij haar terugkomst in praktijk; en het groote nut der _glijbanken_ +(_sliding-seats_, _bancs coulisse_, _Gleitsitze_) bleek op den +wedstrijd voor vierriemsgieken in Nov. 1871 op de Tyne. ~J. Taylor~ +namelijk had zijne ploeg overgehaald tot het beproeven der nieuwe +methode en dit tot den dag van den wedstrijd zorgvuldig geheim gehouden. +Het resultaat was verrassend, want de tegenpartij, de ploeg van +~Chambers~, werd met gemak verslagen. + +Twee wedstrijden in sculling, in de daaropvolgende lente op de Thames +gehouden, deden het voordeel der glijbanken nog meer uitkomen. + +Zonderling is het verder, dat de Amerikanen, de eigenlijke uitvinders +der glijbanken, nalieten er zich van te bedienen, en, terwijl zij +zelven in hunne methode van roeien de beenen niet gebruikten, aan hunne +mededingers, de Engelschen, door hunne uitvinding de beste wijze aan de +hand gaven om het meeste voordeel van de beenspieren te trekken. + +Bekend is de overwinning van de _London Rowing-club_ op de _Club +Atalanta_ van New-York, waarbij eerstgenoemde de glijbanken gebruikte. +Hoewel toen de Engelschen, zoowel door meerdere physieke kracht als door +hun beteren stijl, ook zonder dat voordeel de overwinning zouden hebben +behaald, zoo was toch de _sliding-seat_ in de engelsche boot voor een +groot gedeelte de oorzaak van de smadelijke nederlaag der Amerikanen. +Maar juist de overtuiging, dat de Engelschen toch verreweg de baas +waren, hield de oppositie tegen de nieuwigheid bij de roeiers van het +oude stelsel nog levendig. Want de schoone stijl (zoo redeneerden zij) +gaat er door verloren, al moge men dan ook iets in snelheid winnen. + +Mettertijd echter ging men inzien, dat de schoone stijl zeer goed te +vereenigen was met het roeien op _sliding-seats_, en dat, al valt het +niet te ontkennen dat voorbeelden van goeden stijl minder talrijk zijn +dan in den tijd van de vaste banken, deze toch langzamerhand terugkeert. + +En naarmate men het juiste gebruik der _sliding-seat_ beter zal leeren +kennen, zullen alle roeiliefhebbers zich niet over het bederf van den +stijl hebben te beklagen, doch zich verheugen over eene uitvinding, die +alle lichaamsdeelen tot hun recht laat komen en het roeien tot een der +volledigste lichaamsoefeningen maakt. + +In den laatsten tijd tracht men ook in de _sliding-seat_ weer +verbeteringen te brengen door de banken over wieltjes te laten +rollen. Daar men het over de zaak nog niet eens is, verwijzen wij +belangstellenden naar de no. 24 en 25 van de _Wassersport_ van 1885, +waarin de kwestie door ~Dr. Schiller~ in met teekeningen opgeluisterde +opstellen wetenschappelijk behandeld wordt; en naar no. 42, waar zij +door ~R. Rochow~ meer uit een praktisch oogpunt wordt besproken. + +Nog van eene andere uitvinding der Amerikanen moeten wij melding maken, +n.l. het _windzeil_ voor scullers. Ieder sculler weet bij ondervinding, +hoe lastig het is om bij zijwind koers te houden, daar de boot steeds +neiging heeft met den boeg tegen den wind in te loopen; hierdoor is men +dan genoodzaakt met den arm aan de windzijde bijna alln te roeien, +zoodat deze daardoor bovenmatig ingespannen en vroegtijdig vermoeid +wordt. + +Verschillende middelen werden daartegen reeds beproefd, o. a. heeft men +een gewicht van een kilo aan het achtereind der boot gehangen, onder aan +de kiel een zwaard aangebracht: alles tevergeefs. + +Door het eerste middel namelijk lag de boot van achteren te diep en stak +met den boeg in de lucht, door het tweede werd het draaien zoo goed als +onmogelijk. + +Eerst het _windzeil_ heeft de kwaal geheel verholpen. Het bestaat uit +een dun blad hout, dat loodrecht op den boeg wordt geplaatst en aan +elken zijwind is blootgesteld. De wind draait dan, door den druk op het +zeil, den boeg zoover van zich af als de neiging der boot is om in den +wind op te loopen, zoodat de boot haren rechten koers behoudt en de +roeier beide armen gelijkelijk kan gebruiken, hetzij hij bij windstilte +of bij sterken zijwind vaart. + +De beide volgende afbeeldingen van verschillend gevormde windzeilen, +ontleend aan de "_Spirit of the Times_," zijn geplaatst op booten van de +_New-York Athletic-Club_. + +[Illustratie: Fig. 3.] + +[Illustratie: Fig. 4.] + + * * * * * + +Na alzoo de boot en hare onderdeelen te hebben besproken, rest ons nog +het een en ander over de vervaardigers ervan te zeggen. + +Om dan met ons land te beginnen, kunnen wij de ~Gebr. van Heemstede Obelt~ +te Amsterdam noemen, die vooral in de laatste jaren in het bouwen van +racegieken zijn vooruitgegaan, getuige de overwinningen der R. V. +_Fortuna_ in gieken van die firma behaald. + +Hunne booten zijn gewoonlijk zwaarder dan de fransche en engelsche, en +dit is zeker de reden, waarom de nederlandsche roeivereenigingen hunne +gieken meestal uit den vreemde laten komen. + +In het vorige jaar hebben zich ook te Rotterdam ~Deichmann~ en ~Ritchie~, +die vroeger bij ~Rettig~ te Berlijn werkzaam waren, nedergezet en zich +reeds een goeden naam verworven met booten voor berlijnsche clubs en +voor de _Deutsche Turn- und Ruder-Verein_ te Rotterdam. + +De duitsche fabriekanten zijn ons onbekend, hoewel er in de laatste +jaren aldaar velen zijn verrezen. + +Wij laten onze inriggers voor verreweg het grootste gedeelte uit +Frankrijk komen, hetzij van ~Louis Dossunet~ te Joinville-le-Pont +( l'Ecluse) Seine of van ~Tellier~, Quai de la Rape, Paris. + +Bij ~Dossunet~ schijnt men zich wel het best te bevinden, daar alle +nederlandsche ploegen, die de laatste jaren in Belgi, waar men algemeen +aan booten van ~Tellier~ de voorkeur geeft, overwinningen hebben behaald, +deze lauweren in booten uit ~Dossunet~'s werkplaats hebben weggedragen. +Ook zijn zijne booten veel billijker in prijs. De Stud. R. V. _Njord_ +toch ontving in 1883 van hem een tweeriemsracegiek van 700 francs en in +het volgend jaar een dito van ~Tellier~ voor 900 francs. + +Inriggers uit Engeland te laten komen is niet aan te raden, daar men +zich daar niet meer bedient van de bootsoort, die bij ons op wedstrijden +gebruikt wordt. Zoo hebben wij van ~Clasper~ te Oxford in 1881 een +vierriems- en in 1882 een zesriemsracegiek (beide inrigged) gezien, die +z slap waren, dat men bij het uit- en indragen bang was, dat ze inn +zouden zakken. + +Voor losse riemen zijn ~E. Ayling~, oar and scullmaker, Vauxhall, London +S. E., alsmede ~Norris~, York, Wandsworth aan te bevelen, die zonder +prijsverhooging bij ~Deichmann~ en ~Ritchie~ te verkrijgen zijn. + +Voor outriggers, die door de genoemde fransche firmas trouwens ook +vervaardigd worden, worden gewoonlijk genomen ~J. H. Clasper~ in Oxford; +~Searle & Sons~, London, ~S. E. Stangate~, Lambeth; en ~R. Simmons & Sons~ +in Putney. Bij ~Messum & Sons~ te Richmond bevonden wij ons vroeger zeer +goed wat betreft booten met vaste banken. + + * * * * * + +De duurzaamheid eener boot hangt grootendeels af van de wijze van +behandeling, vooral lichte racebooten kunnen door vele geforceerde +wendingen in korten tijd worden tegronde gericht. + +Allereerst is het noodig, dat zij in een goed gesloten _giekenloods_ +(_boathouse_, _garage_, _Boothaus_) tegen weer en wind beschut zijn. +Verder moeten zij aldus gelegd worden, dat zij door slechte ligging niet +haren vorm kunnen verliezen. Zoo moet men eene boot nooit op de beide +uiteinden laten rusten, daar zij dan in 't midden zal uitzakken, doch +liefst op 3 of 4 dwarsbalken of bokken leggen, zdat zij op alle +gelijkelijk steunt. + +Gedekte booten worden liefst in zeilen opgehangen. + +Een boot moet steeds goed gevernist zijn om het hout tegen slechte +invloeden van weer en temperatuur te beschutten. Ook is het goed lichte +booten van tijd tot tijd met vet in te wrijven, daar dit zoowel het +vernis spaart als het hout tegen scheuren beschut, die door invloeden +van water en hitte kunnen ontstaan. + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +DERDE HOOFDSTUK. + +HET ROEIEN. + + + 1. _Algemeene opmerkingen._ + +Geen lichaamsbeweging is er bijna, die zoozeer aanspraak kan maken op +de goede eigenschap van 't aangename aan 't nuttige te verbinden, als +'t roeien. Wat is heerlijker dan op een schoonen zomeravond over den +gladden waterspiegel heen te glijden, en na een snikheeten Julidag te +luisteren naar het geplas der riemen in het frissche water? Wat is +gezelliger dan een roeitochtje, waarbij men onder eene frissche, gezonde +beweging nieuwe streken doortrekt, vreemde dorpen en steden bezoekt? + +Groot is daarom 't aantal van hen, die in eene boot hebben plaats +genomen om dat genoegen te smaken, en die op dien grond beweren te +kunnen roeien. Hoe weinigen zijn er echter onder hen, die beseffen hoe +ingewikkeld en moeilijk deze lichaamsbeweging is, wanneer men er zich op +toelegt om haar correct uit te voeren, wanneer men haar als een sport +beschouwt! + +Het is waar, 't is het lot van de meeste lichaamsbewegingen om aldus +behandeld te worden. De overgroote meerderheid stelt zich al heel +spoedig tevreden, en getroost zich de moeite niet om haar in den grond +te leeren. Maar het sterkst doet zich dit voor bij 't roeien. + +Wil men leeren paardrijden, men neemt dan ten minste toch eenige lessen; +gaat men leeren schaatsenrijden, de moeielijkheden doen zich dan vaak in +'t begin pijnlijk gevoelen; zoo is 't ook met 't schermen, 't zwemmen en +zoo vele andere lichaamsoefeningen. + +Maar met 't roeien? Wel, men gaat met een vriend, die evenmin ooit +een riem in zijne handen heeft gehad, in eene tweeriemsboot zitten; de +eerste slagen gaan dan wel minder goed, maar spoedig toch begint het er +wat meer naar te gelijken, de riemen komen wat meer gelijk in 't water, +en heeft men bovendien leeren scheren, dan kan men roeien. Zoo is men in +twee middagen een roeier. + +Wij behoeven zeker niet te zeggen, hoe dwaas het is dit te meenen; maar +toch met hoeveel menschen gaat het niet op deze wijze! + +Het roeien is schijnbaar een zeer gemakkelijke beweging, omdat het zoo +weinig moeite kost een vaartuig over 't water te doen glijden; maar +tracht men met een minimum inspanning de grootst mogelijke snelheid te +verkrijgen, dan eerst wordt het een sport, en wel een edele sport, omdat +het een zeer groot aantal spieren in beweging brengt, en het lichaam +harmonisch ontwikkelt. Het aanleeren van dezen sport, aldus beschouwd, +kost veel moeite en eenigen tijd; en het is vooral zaak al dadelijk +onder leiding te komen en niet te trachten het zich zelf te leeren, want +allicht neemt men fouten aan, die later moeilijk afgeleerd worden. + +Een goede stijl wordt genoemd die methode van roeien, die de grootste +resultaten voortbrengt, d. w. z. die met de minst mogelijke inspanning +de grootst mogelijke snelheid doet verkrijgen. Bij het opsporen naar +deze beste methode heeft men geput uit de kennis der spieren, en uit +de natuurkunde; maar de ervaring, de praktijk is hier de voornaamste +leermeesteres. Het spreekt van zelf, dat deze opsporing niet overal +dezelfde resultaten heeft gegeven. Ook bij 't roeien heeft men +verschillende meeningen, verschillende theorin. Maar omtrent een groot +aantal punten, omtrent de hoofdzaken is men het ns. + +Bij 't onderzoek naar de vereischten voor een goeden stijl, heeft men +zich laten leiden door dit beginsel, dat de krachtsinspanning zooveel +mogelijk over het geheele lichaam moet verdeeld worden. + +Gemakkelijk is 't te begrijpen waarom. Werken slechts weinige spieren, +dan drukt 't geheele gewicht van den arbeid op deze, en zij zullen niet +alleen het niet zoo lang volhouden, maar er zal ook lang niet zooveel +kracht ontwikkeld kunnen worden, als wanneer 't werk door een groot +aantal spieren verricht wordt. Verdeeling van den arbeid dus, en wel +naar de juiste maat; elke spier drage bij naar zijne krachten! + +Wij zullen trachten naar ons vermogen uiteen te zetten hoe men een +eerstbeginnende de hoofdbeginselen van 't roeien leert, voor welke +fouten hij zich vooral moet hoeden, en welke eischen men aan een goeden +stijl mag stellen. + +Maar vooraf nog een raad. Laat hij, die wil leeren roeien, eerst +leeren zwemmen, zoo hij deze kunst nog niet verstaat. Want hoewel niet +dikwijls, zoo gebeurt 't toch soms, dat de boot omslaat, en dit gevaar +bestaat vooral in ons land, waar men veel ruw water vindt. Aan hem, +die op 't IJ of op de groote rivieren in ons land roeit, is deze raad +in de eerste plaats gegeven, maar ook aan hem, die door de ligging +van de plaats, waar zijne roeivereeniging gevestigd is, minder in +de gelegenheid verkeert om zich op ruw water te begeven. Er zijn +voorbeelden van 't verdrinken van een groot deel der bemanning door +'t omslaan van de boot. + + + 2. _De eerste beginselen van de roeikunst._ + +Om iemand het roeien te leeren, is het raadzaam hem te plaatsen in +eene zware tweeriemsgiek met vaste banken. De onderwijzer gaat op den +stuurbank zitten, als slag neemt een geoefenden roeier plaats in de +boot, terwijl de leerling den boegriem in handen krijgt. Deze methode +heeft het voordeel, dat de leerling tegelijk dat hem de lessen worden +gegeven, de toepassing ervan kan zien; de noodige wenken worden hem +gegeven, de fouten worden hem aangewezen door den stuurman, terwijl hij +een voorbeeld vr zich heeft in den slag, die hem de verschillende +bewegingen vrdoet, en dien hij tracht na te volgen. + +Het eerste wat de leerling moet leeren is de _houding_ in de boot. Hij +plaatst zich midden op het aan den bank bevestigd matje. Dit matje moet +op zoodanige wijze om den bank worden gebonden, dat men vlak bij het +boord zit zonder het nochtans met zijn dijen aan te raken. + +De voeten worden stevig tegen het spoorplankje aangedrukt, na ze onder +de voetriemen te hebben geschoven. Daarvoor is het noodig, dat het +spoorplankje niet te ver verwijderd is, maar juist zver, dat de +beenen niet geheel gestrekt kunnen worden, en de knien nog iets gebogen +zijn. Vooral op dit laatste moet de onderwijzer letten, daar ieder +eerstbeginnende de neiging heeft, om het spoorplankje zoover mogelijk +van zich af te zetten, ten einde bij het scheren minder last van zijne +knien te hebben. Toch is 't noodzakelijk voor een stevigen zit en voor +een veerkrachtigen slag, dat de voeten stevig tegen den spoorplank +aangedrukt worden, hetgeen alleen mogelijk is wanneer de beenen niet +geheel gestrekt zijn. + +De hielen worden tegen elkander gedrukt en de voeten waaiervormig +uitgespreid. De beenen worden evenwijdig met de bootskiel gestrekt. + +Het bovenlijf wordt volkomen rechtop gehouden, beide schouders op +gelijke hoogte, en vooral niet naar n kant overhellend; 't gezicht en +de borst gekeerd naar den achtersteven, met geen der zijden vooruit. + +De borst wordt naar boven gewelfd, en de schouders iets naar beneden +achterwaarts gedrukt, maar zonder overdrijving, zonder zoogenaamden knip +of deuk in den rug. Het doel moet zijn om de longen en het hart zooveel +mogelijk ruim en onbekneld te laten werken, zonder toch eene gewrongen +houding aan te nemen. Hoe meer ongedwongen, hoe vrijer en gemakkelijker +men zit, hoe beter; want daardoor wordt de werking der spieren +zuiverder, en kan er meer kracht ontwikkeld worden. + +[Illustratie: _Verkeerde greep._ Fig. 5.] + +[Illustratie: _Juiste greep._ Fig. 6.] + +Na de houding moet de leerling leeren zijn riem vast te houden. +Onwillekeurig zal hij bij 't roeien wanneer hij eenige kracht wil +zetten, zijn riem stevig omknellen, zelfs knijpen. (Zie fig. 5.) Dit nu +is niets anders dan verspilling van krachten, want daardoor worden de +spieren, nl. die van den benedenarm, gespannen en vermoeid, zonder er +eenig grooter resultaat mede te verkrijgen. De handen moeten slechts +dienen als middel om den riem te verbinden aan het lichaam; hoe losser +dus de riem vastgehouden wordt, hoe beter, en daartoe buige men slechts +de twee uiterste leden der vingers, waardoor er als 't ware een haak +gevormd wordt, die zich om den riem slaat; (zie fig. 6) de duim wordt +onder den riem gehouden en ook slechts met 't uiterste lid er tegen +aangedrukt. De polsgewrichten mogen volstrekt niet naar beneden gebogen +worden, want daardoor worden juist de spieren van den benedenarm +ingespannen, hetgeen van geen nut is, en daarom streng verboden moet +worden. Het doel moet immers zijn geen spier in te spannen, zonder +daaruit eenig aan de krachtsinspanning evenredig resultaat te +verkrijgen. De hand moet dus z gehouden worden, dat zij met den +arm n rechte lijn vormt. + +De buitenhand houdt men geheel aan 't einde van den riem, de binnenhand +ongeveer 1 d.M. er van af. Daar men met de buitenhand verder moet +reiken, zoo moet deze nog losser om den riem geslagen zijn dan de +binnenhand. + +Nu gaat de leerling slagklaar liggen, d. i. hij strekt 't lichaam flink +vooruit, zonder nochtans den rug te krommen, of de schouders te veel +naar voren te brengen, waardoor zijn hoofd zich als 't ware daartusschen +verbergt; maar toch moet dit ongedwongen geschieden. Deze houding is +voor den eerstbeginnende zeer lastig te leeren, want hij zal allicht in +n van twee uitersten vervallen, f zijn rug krommen en de schouders te +veel naar voren brengen, f stijf blijven zitten en zelfs een deuk, een +holte in zijn rug maken. + +Maar na eenige oefening zal het hem gelukken de middelmaat te vinden, +waarbij hij zijn borst vrij laat zonder zijn spieren geweld aan te +doen. + +De armen worden volkomen gestrekt, 't lichaam evenwijdig met de kiel +naar den achtersteven gericht, niet naar binnen gebogen, en zonder dat +de buitenzijde mr naar voren komt. + +Nu wordt het tijd den leerling de verschillende bewegingen, die +gezamenlijk 't roeien vormen, te leeren. Is hij slagklaar, dan wordt +eerst 't blad van den riem juist verticaal in 't water gelaten, door de +handen even op te lichten. Een punt van groot belang is dat _de stand +van 't blad juist verticaal is_; noch de holle, noch de bolle zijde mag +eenigszins naar boven gekeerd zijn; in 't eerste geval zou 't blad, bij +'t maken van den slag, dadelijk in de diepte verdwijnen, zonder veel +tegenstand van 't water te ondervinden, en dus in een gedeelte van den +slag niet de voortstuwende kracht op de boot uitgeoefend worden, terwijl +het bovendien moeite kost om den riem van uit de diepte weer uit 't +water te brengen; in het tweede geval zou 't blad niet dadelijk geheel +in 't water gaan, maar gedeeltelijk er boven blijven rusten, ja, soms +zal het eerste gedeelte van den slag daardoor in de lucht gemaakt +worden. Opdat het blad zuiver verticaal in 't water gehouden wordt, is +het noodig dat de riem goed gevormd en niet gedraaid, het stootleer +juist aangebracht is, en de trekdol niet scheef achterover staat. Het is +zelfs wenschelijk, dat de afstand tusschen de dollen van boven kleiner +is dan onderaan. + +Ook noodzakelijk is het, dat _niets meer maar ook niets minder dan het +blad onder water wordt gestoken_. Komt een gedeelte van den steel ook +onder water, dan zal grooter moeite ontstaan om den riem uit 't water te +lichten, zonder dat de voortstuwende kracht grooter wordt, want de dunne +steel ondervindt bijna geen weerstand van 't water; laat men echter een +gedeelte van het blad boven water, dan zal de weerstand van 't water +aanmerkelijk kleiner worden en daarmede ook de voortstuwende kracht. + +Nu wordt 't blad van den riem in rechte lijn in horizontale richting +gelijkmatig door 't water getrokken, door met 't lichaam kalm achterover +te zwaaien. _De armen worden daarbij volkomen gestrekt gehouden_, zoodat +de kracht wordt uitgeoefend door de spieren van den rug. Eerst op 't +einde van den slag, wanneer 't lichaam zijn zwaai volbracht heeft, +worden de armen gebogen, en de riem tot aan den buik of de borst +doorgetrokken. Men zorge hierbij steeds den rug niet te krommen, en +op 't einde van den slag zelfs _de schouders achterwaarts neder te +drukken_. _Het blad van den riem wordt_, zooals wij reeds zeiden, +_gedurende den geheelen slag op gelijke hoogte onder het water gehouden +tot op het einde toe_. + +Is de slag gemaakt, dan is 't noodig, ten einde een nieuwen slag te +beginnen, dat 't lichaam opnieuw naar voren gebogen en de armen gestrekt +worden. + +Om de verschillende bewegingen van 't roeien zuiver te leeren maken, is +het noodig, dat ze in het begin langzaam en kalm uitgevoerd worden. Door +ze dadelijk snel en vlug te willen maken, leert men fouten aan. + +Dus men ligt met 't lichaam iets achterover en 't handvat van den riem +tegen den buik of den borst gedrukt. Nu wordt 't blad uit 't water +gelicht door eene kleine drukking van de handen op den riem ('t scheren +moet niet dadelijk geleerd worden, maar eerst nadat de leerling de +bewegingen van 't roeien reeds eenigszins begint te begrijpen, en zich +wat thuis begint te gevoelen in de boot), daarna worden de armen in ns +gestrekt, en 't lichaam vooruit gebracht. + +Deze tweeledige beweging wordt in de volgende volgorde uitgevoerd: _men +begint de armen te strekken, vrdat de voorwaartsche beweging van 't +lichaam wordt gemaakt_, en wel omdat: 1. men veel meer moeite heeft +de beweging te maken met gebogen armen, dan met gestrekte; ten bewijze +hiervan beproeve men een zwaar voorwerp of een persoon weg te duwen +met gebogen armen, en daarna met gestrekte; dan zal men bemerken dat +'t laatste veel minder inspanning kost; 2. omdat, wanneer de armen +niet dadelijk gestrekt worden, de knien in den weg zitten, vooral op +sliding-seats; maar ook op vaste banken, omdat ook hier de knien zich +bij de voorover strekkende beweging van 't lichaam iets opheffen; 3. +omdat, wanneer de voorwaartsche beweging wordt gemaakt met gebogen +armen, 't lichaam zich noodzakelijk over den riem moet heenbuigen, en de +borst wordt ingetrokken; 4. omdat anders de voorwaartsche beweging op +'t einde niet langzaam uitloopt, zooals behoort, maar juist op 't laatst +de grootste snelheid verkrijgt, zoodat zij met een schok moet eindigen. + +Wanneer deze beweging is volbracht, laat men het blad van den riem weer +dadelijk in 't water, zooals hierboven is aangeduid, en begint op 't +zelfde oogenblik te trekken, niet met een ruk, _maar toch met kracht, +en met evenveel kracht trekt men den geheelen slag door_. + +Zoo maakt 't lichaam een slingerende beweging, evenwijdig met de +kiel van de boot, zonder bij 't einde van den voorwaartschen of +achterwaartschen zwaai te rusten. Zoodra de slag geindigd is, wordt de +riem in n beweging uit 't water gelicht en naar achteren gebracht, en +ook zoodra hij zijn vlucht boven 't water volbracht heeft, weer dadelijk +in n beweging ondergedompeld en door het water heengehaald. _Er +mag geen stilstand in de beweging van den riem zichtbaar zijn, ja, +schijnbaar moet alles in n onafgebroken loop doorgaan._ + +Eerst na de eerste lessen komt 't _scheren_ aan de beurt. Dit is het +naar achteren zwaaien van den riem met 't blad in horizontale houding. +De moeilijkheid bestaat in 't platdraaien van 't blad. Dit moet op de +volgende wijze geschieden: Nadat de slag geheel volbracht is, brengt men +eerst eene drukking met de vingers op 't handvat van den riem teweeg, +en vlak daarna drukt men er den palm van de hand tegen, waardoor de +riem van zelf omgedraaid wordt en tegelijk het blad zijn vlucht over +het water begint. Dit moet noodzakelijk in de aangegeven volgorde +geschieden. Drukt men eerst den palm van de hand tegen den riem, dan zal +'t blad zich noodwendig onder water omkeeren, en men "vangt een snoek." +Worden beide bewegingen tegelijk uitgevoerd, dan zal de onderkant van +het blad nog even de gelegenheid hebben wat water mede te nemen en door +de omdraaiende beweging een straaltje in de hoogte te werpen. Dit +laatste is niet zoo gemakkelijk te vermijden, en zelfs oudere en meer +geoefende roeiers ziet men het dikwijls doen. + +Men moet deze fout echter wel onderscheiden van eene andere veel +grootere fout, n.l. het naar achter weg werpen van water. Terwijl het +eerste een gevolg is van incorrect platdraaien van 't blad van den riem, +is het laatste 't gevolg van een geheel verkeerde houding van den riem +gedurende 't laatste gedeelte van den slag. Het blad van den riem wordt +dan gedurende den slag reeds een weinig omgedraaid, zoo dat het niet +geheel verticaal meer is, daarbij worden de handen niet in n rechten +lijn naar den borst getrokken, maar in een boog naar beneden gedrukt. +Zoo wordt met 't blad van den riem een kolom water mede opgelicht, +en door 't laatste gedeelte van den slag weggeworpen. Dat dit tot +de grootste fouten in 't roeien behoort, is duidelijk, want door 't +naar beneden drukken van den riem worden krachten aangewend niet in +horizontale richting, maar om de boot in 't water neer te drukken; +bovendien gaat 't laatste gedeelte (hoe klein ook) van den slag in de +lucht verloren. Nadat de leerling eenigen tijd op vaste banken heeft +geroeid, en hij zich aangewend heeft bij het begin van den slag zijn +lichaam flink vooruit te strekken, en bij het einde goed achterover te +vallen, en de slingerende beweging van het bovenlijf zonder schokken of +stooten uit te voeren, dan wordt het eerst tijd hem op sliding-seats te +doen plaats nemen. Hier wordt de beweging meer gecompliceerd, daar nu +de werking der beenen grooter is dan op vaste banken. Telkens wanneer +de slag geindigd is en 't lichaam vooruitgestrekt wordt, moet ook 't +bankje naar voren gebracht worden. Dit laatste mag echter volstrekt niet +met geweld gedaan worden. Door de voorwaartsche strekking van armen en +lichaam wordt de stoot gegeven, waardoor 't bankje als 't ware van zelf +naar voren glijdt. Daarmee willen wij niet zeggen, dat 't vooruitbrengen +van 't lichaam met een schok moet geschieden, maar _eerst armen en +bovenlijf, en dan volgt de sliding-seat gemakkelijk en als van zelf_. +Doet men dit niet op deze wijze, dan zullen de spieren, die langs het +scheenbeen loopen, spoedig vermoeid worden, en de boot zal eene +stootende beweging verkrijgen. + +Op 't oogenblik dat 't bankje naar voren is gebracht, moet ook 't +lichaam voorover gestrekt zijn, en op datzelfde oogenblik wordt het blad +weer in 't water gestoken en een nieuwe slag begonnen. Op de wijze, +waarop men met de beenen de sliding-seat naar achteren afzet, in verband +met de achteroverstrekkende beweging van 't lichaam, komen wij later +terug. Eerstbeginnenden is het vooral zaak op het hart te drukken, +ook hierbij _geen rukken of stooten te geven, maar gelijkmatig en +veerkrachtig alle bewegingen van 't roeien uit te voeren_. + +Wij gelooven dat het, om 't juist gebruik van de sliding te leeren, den +beginner aan te raden is om in 't eerst niet de geheele lengte ervan af +te loopen, maar langzamerhand telkens een grooter stuk ervan te +gebruiken. + + * * * * * + +Wij behoeven bijna niet te zeggen, dat het van 't grootste gewicht is, +dat de leden van een ploeg _goed maat houden_, dat zij allen op 't +zelfde oogenblik hun riem in 't water steken en kracht zetten, en ook +op 't zelfde tijdstip hem er weer uit lichten en beginnen te scheren. +Wordt dit niet gedaan, dan zal 't totaal van de uitgeoefende kracht +versnipperd worden, en de boot nu eens naar bakboord- dan weer +naar stuurboordzijde overgetrokken worden, terwijl bovendien eene +schommelende beweging van de boot, 't gevolg van ongelijk roeien, niet +alleen lastig is voor de roeiers, maar ook eene wrijving veroorzaakt met +'t water, die den gang van de boot tegenhoudt. + + * * * * * + +In dit hoofdstuk hebben wij gesproken van het "_snoek vangen_." Dit +gebeurt f wanneer men den riem na 't eindigen van den slag niet tijdig +uit 't water kan lichten, f wanneer men bij 't scheren, in plaats van +'t blad over de oppervlakte van 't water te laten gaan, het ontijdig in +zijne platgedraaide houding weer in 't water doet vliegen. Het eerste +geval komt voor, wanneer de riem niet verticaal, maar scheef in 't water +wordt gestoken, zoodat hij in de diepte verdwijnt; of wanneer men 't +blad platdraait, vrdat het uit 't water is gelicht. In beide gevallen +zal de boot een schok krijgen, en zoo de riem niet dadelijk uit de +dollen wordt gelicht, zullen deze noodwendig moeten breken. Daarom, +roeier, wanneer 't ongeluk van een snoek te vangen u overkomt, hef dan +dadelijk 't handvat van den riem met beide handen op, zoodat hij uit +de dollen gelicht wordt, en door den vaart over 't water langs den +achtersteven van de boot komt te glijden. Dadelijk daarna wordt 't +blad van den riem op 't water rustende met eenige kracht naar achteren +geslingerd, en op deze wijze wordt het met leer bedekte gedeelte weer in +de dollen gebracht. + +Na de beginselen van 't roeien leert men met de boot te manoevreeren. +Plotseling kan zich iets voor den boeg opdoen, dat de stuurman eerst +laat ontdekt; dan is 't zaak de boot dadelijk tot stilstand te brengen, +ten einde eene botsing te voorkomen. Of men heeft zich in een nauw +vaarwater begeven, waarin 't wenden onmogelijk is, en de weg wordt +versperd. In het eerste geval moet men kunnen _stoppen_, in het tweede +_strijken_. + +Het stoppen geschiedt aldus: met gestrekte armen en 't lichaam iets +voorover gestrekt brenge men 't blad van den riem bijna horizontaal, +maar met de holle zijde iets naar den boeg gericht, in 't water, en +draaie dan langzamerhand den riem om, totdat de holle zijde geheel naar +den voorsteven gekeerd is. Daarbij zorge men echter niet op het handvat +van den riem te drukken, want daardoor wordt het boord naar beneden +gedrukt. + +De bewegingen van het strijken zijn juist de tegenovergestelde van die +van het ophalen of trekken. Achterover zittende brenge men den riem, met +de holle zijde van 't blad naar den boeg gekeerd, in 't water, strekke +de armen en bewege 't lichaam voorwaarts, zoodat het blad door 't water +geduwd wordt; na 't einde van den slag drukke men den riem iets neer +en draaie hem plat, schere het blad over 't water door 't lichaam +achteruit te brengen en de handen tegen de borst te trekken, en beginne +een nieuwen slag. Ook deze beweging geschiedt gelijkmatig, terwijl +slechts 't blad van den riem onder water mag gehouden worden. Bij 't +wenden, wanneer het ne boord ophaalt en het andere strijkt, moeten +ook de riemen gelijktijdig in 't water komen, en daarbij richten zich +de strijkende roeiers naar de trekkende. + + + 3. _Nadere behandeling van sommige punten._ + +Wij stellen ons voor eenige momenten in de beweging van 't roeien +uitvoeriger te bespreken, enkele, omdat daaraan veel gewicht moet +gehecht worden, andere, omdat daarin de meeste fouten voorkomen, weer +andere, omdat daaromtrent de meeningen zeer uiteenloopen. + +De correcte uitvoering van de bewegingen is drom niet alleen +wenschelijk, omdat 't begaan van een fout ten gevolge heeft verspilling +van krachten of verkeerde krachtsaanwending, maar ook omdat n fout +gewoonlijk andere na zich sleept. Het scheef inzetten b.v. van het blad +van den riem maakt niet alleen dat het eerste deel van den slag verloren +gaat, maar bovendien wordt het lastiger den riem van uit de diepte weer +uit 't water te lichten, en dit belemmert de snelle voortwaartsche +beweging van 't lichaam; de roeier komt daardoor uit de maat, en om +gelijk te blijven is hij genoodzaakt zijn lichaam minder voorover te +strekken en dus zijn slag korter te maken. + +Indien het blad van den riem niet gedurende den geheelen slag onder +water gehouden wordt, maar bij het einde half uit 't water gelicht, dan +zal niet alleen de op de boot werkende voortstuwende kracht verminderd +worden, maar bovendien door den minderen weerstand van 't water tegen +het blad, de slag spoediger geindigd zijn dan bij de andere roeiers +'t geval is, wanneer door allen dezelfde kracht wordt aangewend; zoo +zal dus ook hier de maat verbroken zijn, en de voorwaartsche beweging +langzamer moeten zijn om zich als 't ware te laten inhalen, en bij 't +begin van den slag weer gelijk te zijn. + +Vooral zullen eene massa fouten voortkomen uit het verkeerd gebruik +maken van de armen op het einde van den slag. Zooals men weet, moet +op het einde van den slag, wanneer het lichaam zijne achterwaartsche +beweging gemaakt heeft, de riem tot de borst worden doorgetrokken. Dit +geschiedt natuurlijk door de buiging der armen, maar daarom volstrekt +nog niet _door de samentrekking van den biceps_. Integendeel, de biceps +blijft nagenoeg werkeloos, en de beweging wordt uitgevoerd door de +spieren, die de schouderbladen verbinden met den bovenarm, en de +spieren, die aan de achterzijde van den bovenarm liggen. Om zich een +denkbeeld te vormen van de werking dier spieren, stelle men zich voor +dat men met den elleboog een voorwerp achterwaarts duwt door den +bovenarm iets voorbij 't lichaam naar achteren te brengen, of dat men +een achter zich staanden persoon met den elleboog een stomp geeft. +Dezelfde spieren, die dan in werking komen, gebruikt men ook bij het +roeien, de bovenarmen worden aangehaald, totdat zij langs en evenwijdig +met 't lichaam komen te hangen, de benedenarmen dienen hierbij slechts +als eene verbinding van den riem met de bovenarmen; anders uitgedrukt, +de hoek bij den elleboog wordt eenvoudig gemaakt door den bovenarm +achterwaarts te trekken, niet door den benedenarm naar zich toe te +halen, hetgeen door den biceps geschiedt. (Zie fig. 7). + +[Illustratie: Fig. 7.] + +Buigt men de armen door de samentrekking van den biceps, dan moeten +noodzakelijk de ellebogen zijwaarts opgeheven worden, want anders zou +de riem naar den hals en dus veel te hoog opgetrokken worden. Brengt men +daarentegen den riem naar 't lichaam door de werking van de spieren over +de schouderbladen en aan den achterkant van den bovenarm, dan komen de +armen langs het lichaam, met de ellebogen naar beneden gericht. + +Men behoeft dus niets anders te doen dan de armen langs het lichaam aan +te trekken, om de aangewezen spieren te laten werken, en een krachtig +einde van den slag te maken. + +[Illustratie: Fig. 8.] + +Doet men dit niet, trekt men door de kracht van den biceps den riem +tot de borst, en houdt men bijgevolg de ellebogen zijwaarts opgeheven, +zooals in fig. 8 is afgebeeld, dan zal 't einde van den slag niet alleen +veel zwakker zijn, maar, en hiervan zijn wij uitgegaan, deze fout zal +talrijke andere fouten na zich slepen. + +In de eerste plaats zal de borst ingedrukt en de rug gekromd worden +op 't einde van den slag, juist op 't oogenblik dat de borst 't meest +moet gewelfd worden. Men kan zich hiervan gemakkelijk overtuigen door +een niet al te zwakken armstrong te nemen, dien met het ne einde +ergens aan te bevestigen, en met beide handen aan het andere einde +den armstrong uit te rekken door de armen, met de ellebogen zijwaarts +opgeheven, te buigen. Men zal dan duidelijk kunnen bemerken dat de borst +eene sterke neiging heeft zich in te trekken. Voert men echter dezelfde +beweging uit met omlaag gehouden ellebogen, dan zal de borst zich +gemakkelijk en als van zelf opheffen. + +Een tweede gevolg van de aangewezen fout is eene langzame en aarzelende +strekking van de armen na 't uit 't water halen van den riem. Wanneer +de armen zijwaarts worden gebogen, dan vormen zij bij den elleboog een +scherper hoek, dan wanneer ze langs het lijf worden aangetrokken; en +hoe meer de armen zijn gebogen, hoe scherper hoek zij dus maken, des +te moeilijker wordt ook de strekkende beweging. Deze zal dus langzamer +zijn, en om den verloren tijd in te halen moet de voorwaartsche beweging +in 't volgend oogenblik en op 't einde sneller zijn, waardoor schokken +gegeven worden en de beweging de vereischte gelijkmatigheid en +veerkracht verliest; of, en dit is even verkeerd, de armen worden niet +in ns gestrekt, en daarna eerst 't lichaam voorover gebracht, maar +beide bewegingen beginnen gelijktijdig, zoodat het lichaam zich over +den riem heenbuigt; wij hebben boven aangeduid, waarom dit verkeerd is. + + * * * * * + +Eene andere fout die op 't einde van den slag bedreven wordt en zeer +veel voorkomt, is _dat de roeier het lichaam tegen den riem optrekt_, in +plaats van den riem tot de borst door te halen. Dat hierdoor de slag +aanmerkelijk korter wordt, springt in het oog, maar toch zal degene, +die die fout begaat, dit zelf niet zoo spoedig inzien. Hij vormt zich +de illusie een even langen slag te maken als de anderen, daar hij toch +even ver zijn lichaam vooruitstrekt en achteroverzwaait als dezen, en +verwondert zich dan, dat hij eerder "klaar" is, maar bedenkt niet, dat +hij wel zijn lichaam evenver achterover zwaait, maar vrdat de slag nog +geindigd is, reeds weer aan den riem optrekt. + +Deze fout is gewoonlijk een gevolg van overhaasting, of, om 't zoo uit +te drukken, van de begeerte om zoo spoedig mogelijk weer een nieuwen +slag te beginnen. + +Een ander gevolg van die overhaasting is te groote inspanning van de +beenspieren, voornamelijk die naast het scheenbeen loopen, bij 't naar +voren komen. Hierboven is aangewezen in welke volgorde de bewegingen van +armen, bovenlijf en beenen moeten uitgevoerd worden. Natuurlijk worden +ze niet elk afzonderlijk uitgevoerd, ze vloeien in elkaar, maar de ne +moet vr de andere _begonnen_ worden. Hij die 't eerst of gelijktijdig +met de voorwaartsche beweging van 't bovenlijf zijne beenen aantrekt, +loopt kans deze laatste te overspannen. + + * * * * * + +Wij gaan nu over tot 't belangrijkste moment in de beweging van 't +roeien, tot 't _begin van den slag_. Het is best mogelijk dat iemand al +de opgenoemde vereischten voor een goeden stijl in zich vereenigt, dat +hij eene goede houding heeft, zijn riem op de juiste hoogte in 't water +houdt, de voorwaartsche beweging van 't lichaam correct uitvoert, en +dat hij toch als roeier weinig beteekent, omdat hij in 't begin van den +slag geen kracht zet, en, om zoo te zeggen, den riem een eind door 't +water laat drijven, vrdat hij er aan begint te trekken. Hij heeft de +hoedanigheid verkregen om zijne krachten op de meest spaarzame wijze te +gebruiken, en zoo weinig mogelijk te verspillen, maar hij wendt ze niet +op het juiste oogenblik aan. + +Het is daarom van het hoogste gewicht dat men al dadelijk leert op +hetzelfde oogenblik, dat 't blad in het water komt, zijne volle kracht +aan den riem te brengen. Men moet doen, alsof, zoodra 't blad in 't +water komt, 't bankje van onder zich verdwijnt, en de eenige steunpunten +voor 't lichaam zijn 't spoorplankje en 't handvat van den riem, +aan welk laatste men blijft hangen. Die juiste en bliksemsnelle +krachtsaanwending wordt door de Engelschen van zveel gewicht geacht, +dat zij legio termen hebben om het denkbeeld uit te drukken: "_Catch +the water, do all the work at the beginning, lift at the beginning_", +en nog verscheidene andere. Dus tegelijk dat de voorwaartsche beweging +is geindigd, worden de handen iets opgelicht, zoodat de riem den +vereischten steun in 't water heeft, en men hangt dan aan den riem en +drukt de voeten stevig tegen den spoorplank. + +De reden waarom juist in 't begin van den slag de volle kracht gebruikt +moet worden, is deze: na afloop van elken slag vermindert telkens de +vaart van de boot, omdat elk licht vaartuig weinig vaart houdt zoodra de +voortstuwende kracht opgehouden heeft te werken, en bovendien omdat door +de voorwaartsche beweging van de lichamen of liever door de drukking van +den riem op den strijkdol de gang gestremd wordt. Dus telkens wanneer +men een slag begint, heeft de boot zijne minste vaart; op dat oogenblik +heeft men den meesten "vat" op 't water. Brengt men eerst later zijne +volle kracht in werking, dan is een sneller achterwaartsche beweging +van 't lichaam noodig om een even krachtigen druk op 't water uit te +oefenen. + +Daarom, maak gebruik van 't oogenblik waarop gij den meesten steun in +'t water hebt, waarop gij door een betrekkelijk langzame beweging groote +kracht kunt uitoefenen. + +Het vereischt eene ernstige oefening om op 't juiste oogenblik op ns +zijne volle kracht aan te wenden, zonder toch een ruk te geven. + +Velerlei zijn daarom de fouten, die omtrent dit punt worden +aangetroffen. Er zijn er, die, zooals wij reeds aanmerkten, eerst nadat +de riem eenigen tijd in 't water is, hunne volle kracht gebruiken. + +Anderen beginnen den slag goed, verslappen echter spoedig en eindigen +zwak. + +Weer anderen pakken 't water goed, rusten in 't midden van den slag wat +uit, en geven aan 't eind nog een flinken ruk. + +Al deze manieren hebben 't groote gebrek dat zij geen volledig gebruik +maken van den kostbaren tijd, dat de riem in 't water is, en de laatste +methode nog bovendien dit, dat er rukken gegeven worden. Laat de roeier +toch begrijpen dat door rukken geen resultaat verkregen wordt evenredig +aan de krachtsinspanning. Bovenal zij hem op het hart gedrukt, om +gelijkmatig den riem door 't water te halen, in 't begin van den slag +reeds met volle kracht, maar zooveel mogelijk tot 't laatste toe die +krachtsuitoefening voort te zetten. + + * * * * * + +_De wijze waarop de roeier van zijn sliding-seat moet gebruik maken._ + +Wij hebben reeds in de vorige aangewezen op welke wijze men na +volbrachten slag 't handvat van den riem weer vooruit brengt om een +nieuwen slag te beginnen, en daarbij als eene zaak van veel gewicht +er op aangedrongen, dat de handen dadelijk en met vlugheid voor zich +uitgeworpen worden, en eerst daarna de zwaai van 't lichaam en de +voorwaartsche beweging van 't glijbankje moeten volgen, en wel in de +volgorde waarin wij ze opnoemen om deze reden, dat het lichaam zoodra +het den steun van den riem moet missen, zoo spoedig mogelijk van zijne +achteroverliggende houding opgeheven moet worden, daar deze houding eene +vrij groote inspanning van de buikspieren vordert. + +Maar nu de trek, de eigenlijke slag: hoe moeten daarbij de bewegingen +van 't lichaam en van de sliding-seat ten opzichte van elkander zijn? +De armen kunnen wij hier buiten rekening laten, daar, zooals wij gezien +hebben, deze eerst gebogen worden op 't einde van den slag, wanneer +de overige deelen van 't lichaam hunne functin verricht hebben. + +We hebben dus alleen te maken met den zwaai van 't lichaam en met het +strekken der beenen. + +Daar de spieren der beenen de sterkste zijn van 't lichaam, zal de +roeier er allicht toe komen, om bij 't begin van den slag de beenen in +ns en met kracht te strekken, terwijl 't bovenlijf voorover gebogen +blijft, totdat 't bankje geheel naar achteren is gebracht, op welk +oogenblik eerst de zwaai begint. + +[Illustratie: Fig 9.] + +Deze manier heeft deze twee fouten: + +1. Wordt gedurende een groot deel van den slag 't lichaam in +voorovergestrekte houding gelaten, in welke de spieren van den rug +met meer moeite den last zullen dragen dan wanneer 't lichaam wat +achterover gestrekt was. Zelfs zal het dikwijls voorkomen, dat bij +zulke plotselinge strekking der beenen, 't bovenlijf niet in staat is +te volgen, maar als 't ware achterblijft, dat tengevolge daarvan de +schouders naar voren komen en de rug gekromd wordt, dat dus de geheele +houding van den roeier bedorven wordt. + +2. Ook dan, wanneer de goede houding bewaard blijft, werkt de +langdurige vooroverliggende positie de vrije ademhaling tegen. + +~Victor Silberer~ in zijn "_Handbuch des Rudersport_" is daarom eene +andere methode toegedaan: "eerst het bovenlijf achterover zwaaien, +en dan eerst de beenen strekken." Dus de beenen worden gedurende +het eerste gedeelte van den slag in dezelfde stelling gehouden, de +sliding-seat blijft op dezelfde plaats totdat het lichaam achterover +gezwaaid is, waarna eerst de beenen gestrekt worden. + +[Illustratie: Fig. 10.] + +Ook deze methode heeft, naar onze meening hare gebreken, waardoor zij +niet aanbevelenswaardig wordt. + +1. Zal de "catch," 't begin van den slag, bij deze methode, niet z +flink, niet z krachtig zijn als 't behoort. Met opgetrokken, sterk +gebogen beenen kunnen de spieren van den rug niet zoo krachtig werken +als na eenige strekking. En in die onnatuurlijke houding met opgetrokken +knien wil men hebben, niet alleen dat 't lichaam gedurende eenigen tijd +blijft, maar ook dat bovenlijf zijne geheele functie zal verrichten, +totdat het zijne uiterste achteroverhangende stelling heeft ingenomen. + +2. Doet zich dit bezwaar voor, dat de beenspieren, de sterkste van het +lichaam, gedurende een kort gedeelte van den slag, en nog wel op 't +einde, wanneer de boot reeds weer vaart heeft, het bankje met snelheid +achteruit stooten, hetgeen allicht de boot doet schokken. + +Bij de eerste methode bestond dit bezwaar niet, daar in 't begin van den +slag de riem den grootsten weerstand ondervindt, en dus, hoe energiek +de beenen ook werken, het bankje niet met z groote snelheid achteruit +geschoven kan worden. + +Beide genoemde stelsels zijn uitersten; naar onze meening moet er eene +transactie gesloten worden om de ware methode te verkrijgen. + +Zoodra de slag wordt aangevangen, strekken zich de beenen niet in ns, +noch zwaait 't bovenlijf achterover terwijl de knien opgetrokken +blijven, maar beide bewegingen geschieden gelijktijdig: het bankje wordt +langzamerhand achteruit geduwd, terwijl het lichaam zijn +achterwaartschen zwaai maakt. + +[Illustratie: Fig. 11.] + +In dit stelsel wordt het lichaam niet gedwongen gedurende een groot +deel van den slag in onnatuurlijke houding te blijven, daar door eene +kleine strekking van de beenen de rugspieren al dadelijk gemakkelijker +kunnen werken, de sterke beenspieren werken mede tot een krachtig +begin van den slag, terwijl aan den anderen kant ook eene langdurige +voorovergestrekte houding van het bovenlijf vermeden is. Ook wordt de +gelijkmatigheid, waarmee de riem door 't water gehaald wordt, door deze +methode zeer bevorderd. + + * * * * * + +Een andere kwestie van belang, waarover de meeningen nog al +uiteenloopen, is _de mate van snelheid waarmee de riem naar voren +gebracht moet worden na 't eindigen van elken slag_. + +Het beginsel waarvan men uitgaat, is om zoo weinig mogelijk tijd te +verliezen. Elk overtollig oogenblik dat de riem boven water doorbrengt +na elken slag, heeft ten gevolge tijdverlies, en maakt dus den tijd +waarin de baan afgelegd wordt langer. Vandaar dan ook, dat de riem geen +oogenblik stil mag zijn, noch na 't einde van den slag, wanneer hij uit +'t water gehaald is, noch vr 't begin van den slag na zijne vlucht +over 't water. Wanneer de riem slechts 1/10 seconde stil ligt b.v. na 't +einde van elken slag, dan blijft hij in n minuut, wanneer 40 slagen in +de minuut gemaakt worden, reeds 4 seconden werkeloos. Zoo krijgt men een +denkbeeld van 't kolossale tijdverlies, dat op de geheele baan wordt +geleden. + +Dus in geen geval stilstand van den riem. Maar nu welke mate van +snelheid? Wanneer men alleen rekening hield met het zooeven genoemd +beginsel, dan zou het wenschelijk zijn om _zoo snel mogelijk_ naar +voren te komen, omdat men dan zoo weinig mogelijk tijd verliest. + +Er zijn echter ook andere factoren van de snelheid van de boot, waarmee +men rekening moet houden. + +1. Zooals wij reeds ter andere plaatse hebben gezegd, verliest de boot +na 't einde van elken slag door de voorwaartsche beweging van 't lichaam +telkens een deel van hare snelheid. Hoe sneller nu de voorwaartsche +beweging van 't lichaam is, hoe grooter de kracht waarmee de gang van de +boot gestremd wordt. + +2. Vordert 't naar voren brengen van 't lichaam eene groote inspanning +vooral van de buikspieren. Wordt nu deze beweging zoo snel mogelijk +gemaakt, dan worden genoemde spieren overmatig ingespannen, en daardoor +de energie, de veerkracht van 't lichaam uitgeput, want men moet wel +bedenken dat te groote inspanning van sommige spieren terugwerkt op alle +deelen van 't lichaam. + +Zoo moet dus ook alweer hier een middenweg hem trachten te vinden +door de praktijk, waarbij men zich zal kunnen laten leiden door twee +hoofdbeginselen van het roeien: 1. Nooit mag de beweging met schokken +geschieden, 2. Geen deel van 't lichaam mag bovenmatig en buiten +evenredigheid met de andere deelen ingespannen worden. + + * * * * * + +Wanneer iemand begint te leeren roeien, zal de gedurige aanmaning van +zijn leermeester zijn: "_flink naar voren komen en goed naar achteren +vallen!_" Hoewel wij deze methode van leeren geenszins afkeuren, omdat +de leerling steeds eene sterke neiging gevoelt om rechtop te blijven +zitten, en slechts met de armen te werken, zoodat hij vroegtijdig moet +gedwongen worden zijn bovenlijf te gebruiken, zoo zal men toch in de +meeste gevallen zien dat hij na deze aanmaning in zijn ijver veel te +ver achterover zwaait, en soms ook de voorover strekkende beweging +overdrijft. + +_Tot hoever moet hij nu deze bewegingen uitstrekken?_ + +In eene boot met vaste dollen zal de voorwaartsche strekking van het +lichaam van zelf hare grens vinden in het gevaar dat de riem tusschen +de dollen bekneld raakt. Men zorge dan steeds zoover naar voren te +komen als maar mogelijk is, zonder in 't begin van den slag met den +voorkant van den riem tegen den strijkdol aan te komen. Het is echter +ook mogelijk, dat in eene boot de dollen te ver van elkaar verwijderd +zijn; in dit geval en wanneer er draaiende gekozen worden, eene +verzoening gezocht tusschen twee tegenstrijdige beginsels. In theorie is +het moeilijk te zeggen, welke die middenweg is. Men moet zich wachten +voor overdrijving van de voorwaartsche beweging. De strekking mag niet +ontaarden in eene vooroverbuiging, zoodat de rug gekromd, de schouders +vooruitgebracht, de borst bekneld wordt. Wij hebben het reeds meer +gezegd, men moet zijn lichaam geen geweld aandoen. Het voordeel van een +langeren slag weegt dan niet op tegen de groote inspanning om in die +houding den riem met kracht door 't water te halen. + +Ook het achterovervallen mag niet reiken over een zeker punt, van waar +de roeier zich weer gemakkelijk kan oprichten. Gaat men verder, dan +zal de lengte van den slag daardoor winnen, maar het hieruit verkregen +voordeel ook alweer niet in evenredigheid zijn met de vermeerdering van +inspanning der buik- en lendespieren, die het lichaam weer moeten +opheffen. + +Vaste regels zijn hier echter niet voor te geven; sommige roeiers zullen +meer naar voren komen, anderen meer achterover vallen, weer anderen +beide bewegingen in meerdere mate uitvoeren. Dit hangt dan grootendeels +af van de gewoonte en van de oefening, waardoor zich sommige spieren +meer ontwikkelen dan andere. Maar in elk geval wake men tegen +overdrijving. + +In nauw verband met het juist gezegde staat _het aantal slagen_ door +eene ploeg in de minuut gemaakt. + +Dikwijls ziet men op wedstrijden of ook wel wanneer als oefening op tijd +wordt geroeid, de toeschouwers angstvallig letten op het aantal slagen +in de minuut, en dan hoort men ook veelal uit het grootere of kleinere +aantal conclusies maken ten nadeele of ten gunste van de ploeg. + +Meestal zijn die conclusies geheel ongemotiveerd; men kan in 't algemeen +uit het aantal slagen geen gevolgtrekking maken over de kwaliteit van +den roeier. Natuurlijk moet een zoogenaamde "_ratelslag_" evenals een +luie "_zeurslag_" geen hoogen dunk geven van den roeier; dit ligt +aan een gebrek in den stijl, hetzij aan overhaasting, hetzij aan +langzaamheid, gemis aan veerkracht in de bewegingen. Maar het is zeer +goed mogelijk dat eene bepaalde ploeg in eene zekere boot met 36 slagen +in de minuut sneller roeit, dan met 38 slagen, als ook andersom. + +Daarom is het zoo verkeerd, dat een trainer vooraf bepaalt met hoeveel +slagen zijne ploeg moet roeien, en aanmerking maakt, wanneer ze een +kalmer, langer slag aanneemt. Dit kan hij eerst beoordeelen, wanneer hij +zijne ploeg goed kent, en zelfs door proeven eene zekere ondervinding +omtrent haar heeft opgedaan. + + * * * * * + +Wij laten hier nog volgen eenige regels voorgeschreven door den +schrijver van "_The principles of Rowing and Steering_", en eenige door +hem aangewezen meest voorkomende fouten. + +"The requisites for a perfect stroke are: + +1. Taking the whole reach forward, and falling back gradually a little +past the perpendicular, preserving the shoulders throughout square, and +the chest developed at the end. + +2. Catching the water and beginning the stroke with a full tension on +the arms at the instant of contact. + +3. A horizontal and dashing pull through the water immediately the +blade is covered, without deepening in the space subsequently traversed. + +4. Rapid recovery after feathering by an elastic motion of the body +from the hips, the arms being thrown forward perfectly straight, +simultaneously with the body, and the forward motion of each ceasing at +the same time.[3] + +[3] Wij hebben hierboven in dit hoofdstuk eene andere meening verdedigd. + +5. Lastly, equability in all the actions, preserving full strength +without harsh, jerking, isolated, and uncompensated movements in any +single part of the frame. + +Faults in rowing.--The above laws are sinned against when the rower + +1. Does not straighten both arms before him. + +2. Catches the water with unstraightened arms or arm, and a slackened +tension as its consequence; thus time may be kept, but not stroke; +keeping stroke always implying uniformity of work. + +3. Rows round and deep in the middle, with hands high and blade still +sunken after the first contact. + +4. Keeps one shoulder higher than the other. + +5. Doubles forward and bends over the oar at the feather, bringing the +body up to the handle and not the handle up to the body. + +6. Strikes the water at an obtuse angle, or rows the first part in the +air. + +7. Shivers out the feather, commencing it too soon and bringing the +blade into a plane with the water while work may yet be done; thus the +oar may leave the water in perfect time, but stroke is not kept. This +and No. 2 are the most subtle faults in rowing, and involve the +science of shirking. + +8. Rolls backward, with an inclination towards the inside or outside of +the boat. + +9. Turns his elbows at the feather instead of bringing them sharp past +the flanks. + +10. Throws up water instead of turning it well aft off the lower angle +of the blade. A wave thus created is extremely annoying to the oar +further aft; there should be no wave travelling astern, but an eddy +containing two small circling swirls." + + + 4. _Het scullen._ + +Men zorge er voor, alvorens in eene scullingboot plaats te nemen, +het roeien met n riem in den grond te kennen. En dan nog is het den +beginner geraden in eene zware boot met vaste banken te beginnen, daar +men in eene lichte raceboot reeds aan het bewaren van het evenwicht +zoozeer zijn aandacht moet wijden, dat de beweging zelve er door op den +achtergrond zou geraken. + +Het is ook wenschelijk dat het materiaal vooraf door een ervaren sculler +worde nagezien, want hetgeen bij het roeien in 't algemeen over 't +aanleeren van fouten door slecht materiaal gezegd is (bv. verkeerde +stand van de dollen, van het stootleer, enz.) geldt in nog grooter +mate bij het scullen. Men lette hierbij vooral op de voldoende ruimte +tusschen de dollen, want, daar de hefboom van een scull korter is dan +van een riem, is de hoek door een scull met de dollen gevormd, ook +scherper, waaruit volgt, dat de dollen verder van elkander moeten staan, +zal de scull niet er tusschen bekneld raken. + +De vereischten voor een goeden stijl in het scullen zijn dezelfde als +bij het roeien met n riem. Door de hanteering van twee riemen wordt +de beweging echter van zelf iets gewijzigd, want men wordt nu niet meer +gedwongen met de eene hand verder te reiken dan met de andere, en zoo +ook worden beide handen op 't einde van den slag even ver naar zich toe +getrokken. + +Een punt van onderscheid maakt de lengte van den slag uit. In eene +scullingboot kan en moet de slag langer zijn dan in eene andere. + +Bij de voorwaartsche beweging reeds kan de sculler iets verder reiken, +daar hij zijne armen naar beide zijden voor zich uitspreidt, zoodat het +lichaam recht voorover gestrekt kan blijven, terwijl de roeier, wil hij +zich zoover mogelijk naar voren strekken, in dat geval genoodzaakt is +zijn lichaam naar binnen te buigen en dan nog zijne armen niet recht +voor de borst heeft. + +Maar het is vooral in de achterwaartsche zwaai dat de sculler zijn slag +veel langer kan maken. + +Zoo de roeier zich te veel achterover geeft, zal het einde van den slag +zeer zwak zijn, want de hefboom van zijn riem wijst naar zijn borst, en +moet dus naar den binnenkant van zijn lichaam getrokken worden. Want +indien het binneneinde van den riem z lang was, dat het handvat naar +zijne borst getrokken kon worden, ook al was hij evenmin achterover +gezwaaid, dan zouden al weder zijne armen buiten de richting van het +lichaam vallen op het oogenblik, dat de riem een rechten hoek met het +boord vormt, juist op het punt waarop de uitwerking van de ingespannen +kracht het grootst is. Bij den sculler daarentegen snijden de rechts +en links werkende krachten elkaar in het middenpunt der breedte van de +boot, zoodat het lichaam steeds in de richting der kiel kan blijven +werken, ook al is het nog zoo ver achterover gestrekt. + +Eene zaak van gewicht is nog deze: + +Bij het scullen is het nog meer noodig dan bij 't gewone roeien, dat +de armen na het einde van den slag in eens gestrekt worden; de handen +moeten bliksemsnel naar voren worden geworpen om eene aanraking met de +knien te voorkomen; voor deze aanraking bestaat nl. bij het scullen +meer gevaar, daar de handen, niet op gelijke hoogte, maar de een boven +de andere over de knien worden gebracht. + +Deze beweging, juist uitgevoerd, zal de schouders terugbuigen en de +vrije ademhaling bevorderen. + +~Walter Bradford Woodgate~ geeft nog eene andere afwijking aan van de +regels gegeven voor 't gewone roeien. + +Hij zegt nl. dat een sculler op 't einde van den slag niet de sculls +naar zijn lichaam moet trekken, maar 't lichaam aan de sculls optrekken, +dus juist iets doen wat bij 't roeien met n riem streng verboden is. + +Als redenen voor deze afwijking worden opgegeven de volgende argumenten: + +1. Bij het scullen wordt een langer slag gemaakt, het bovenlijf wordt +verder achterover gezwaaid, zoodat een extra kracht noodig is om het +weer op te heffen. De buik- en lendespieren zullen dus overmatig worden +ingespannen, zoo zij niet ondersteund worden, doordat 't lichaam aan de +riemen wordt opgetrokken. + +2. Het gewicht van het bovenlijf wordt, zoodra de sculls 't water +verlaten hebben, op de lendenen overgebracht. Is nu het lichaam op dat +oogenblik ver achterover gestrekt, dan zal het gewicht rusten op het +voorste gedeelte van de boot, waardoor de boeg "_dompt_," 't geen de +vaart vermindert. Trekt men echter 't lichaam aan de riemen op, dan zal +het gewicht eerst op de boot drukken wanneer 't lichaam weer een eind +voorwaarts is opgeheven, en dus niet meer zoover achterover ligt, zoodat +het gewicht niet zoover vr in de boot komt. + +Niettegenstaande onze achting voor de kundigheden van den bekenden +engelschen schrijver over de theorie van 't roeien, kunnen wij ons toch +geenszins vereenigen met de door hem voorgestane meening. + +Onzes inziens is zijn betoog niets anders dan eene cirkelredeneering. + +Zij komt hierop neer: de sculler moet verder achterover zwaaien dan de +roeier aan n riem; hieruit zullen twee gevolgen voortkomen: + +1. Wordt grooter krachtsinspanning vereischt om 't lichaam weer naar +voren te zwaaien, 2. 't gewicht wordt na 't einde van den slag, zoodra +de riemen uit 't water gelicht worden, meer naar 't voorste gedeelte van +de boot verplaatst, waardoor de boeg zal dompen. + +Om nu deze beide nadeelige gevolgen te voorkomen, moet dienen de +aanbevolen beweging, waarbij 't lichaam door de kracht van de armen +aan de riemen wordt opgeheven, want zoo zal men de voorwaartsche zwaai +vergemakkelijken, en dus krachten besparen, en tevens 't dompen der boot +voorkomen. + +Volkomen waar; maar men vergeet dan, dat dit alles geschiedt ten +koste van de lengte van den slag, want stel dat de sculler zijn +achterwaartsche zwaai maakt totdat zijn lichaam den stand heeft van +_ac_ op hierbovenstaand figuur, maar hij trekt zich op 't einde van +den slag aan de riemen op, z dat op 't oogenblik dat zijne handen bij +zijne borst komen, 't lichaam den stand _ab_ heeft, dan wordt de slag +niet doorgetrokken tot punt _e_, maar tot punt _d_. + +[Illustratie: Fig. 12.] + +En waartoe dient nu de achterwaartsche zwaai tot _ac_, wanneer de slag +er toch niet langer door wordt, dan wanneer de zwaai gegaan was tot +_ab_? Immers nergens voor; want, hetzij men zich achterover geeft tot +_ac_, maar zich weer optrekt tot _ab_, hetzij men eenvoudig slechts tot +_ab_ achterover zwaait, in beide gevallen zal 't gewicht even ver naar +voren in de boot verplaatst worden, en ook zullen in beide gevallen de +buik- en lendespieren de voorwaartsche beweging moeten volbrengen van af +_ab_. + +De redeneering van ~Woodgate~ loopt dus in dezen cirkel: + +De slag moet langer gemaakt worden van _d_ tot _e_, maar om de daaruit +voortvloeiende nadeelen te niet te doen, geeft hij middelen aan de hand +waardoor de slag weer ingekort wordt tot _d_. + +Is het dan niet eenvoudiger en drom beter, omdat de verdere zwaai +achterover bespaard wordt, om slechts tot _ab_ achterover te vallen? + +Onze conclusie is dus deze: men moet zver het lichaam achterover +zwaaien, dat de voordeelen van de meerdere lengte van den slag de +nadeelen daaruit voortvloeiende nog overtreffen, en niet aan de nadeelen +trachten te ontkomen door middelen die den slag feitelijk korter maken; +want dit is met een omweg naar 't doel streven. + + * * * * * + +Er doen zich bij het scullen nog eenige eigenaardige moeilijkheden voor, +waarmede beginners soms zwaar te kampen hebben. + +1. De sculls loopen over een afstand van 5 6 cM. over elkaar heen, +waardoor het in 't begin moeilijk is het tegen elkaar stooten der handen +te vermijden. De eene hand moet dus hooger dan de andere gehouden +worden; het is geheel onverschillig welke hand men boven, welke onderaan +houdt. Maar men werpe ze toch tegelijk naar voren, zoodat de sculls +tegelijk in 't water komen, en het ook tegelijk weer verlaten. + +Om het afglijden der handen te verhinderen, legge men het bovenlid van +den duim tegen het uiteinde van de scull aan. + +2. Door de geringe breedte zal de boot spoedig aan 't "_rollen_" gaan, +en de sculler zal dit trachten te verhinderen door bij het scheren de +bladen der sculls over 't water te laten gaan. Dit nu is verkeerd. Bij +'t einde van den slag moet hij de sculls flink uit het water lichten en +ze naar achteren brengen zonder de oppervlakte van 't water te raken. + +Dit is echter niet gemakkelijk, en eerst na oefening zal men zijn +evenwicht leeren bewaren. + +Dikwijls wordt in het handvat van de scull een of twee ons lood gegoten +om op het vereischte oogenblik gemakkelijker het blad uit het water te +kunnen lichten en terug te brengen, zonder de oppervlakte van het water +aan te raken. + +3. Eene kunst die de sculler ook noodzakelijk moet leeren, is: zijn +vaartuig _in den koers te houden_. In 't eerst zal hij daartoe telkens +omzien, en zoodoende alras de handigheid verkrijgen om _alleen het +hoofd_ om te wenden, zonder daarbij met roeien op te houden. Op wateren +waar weinig of geen scheepvaart is, zal men dikwijls kunnen volstaan +met de oogen steeds op den achtersteven gericht te houden, nadat men +dezen eenmaal in de gewenschte richting heeft gebracht. Elke afwijking +zal terstond in het kielwater zichtbaar worden. Bovendien heeft het +gadeslaan van den achtersteven dit voordeel in, dat de sculler steeds +'t werk zijner handen zal kunnen nagaan. + +De stuurtoestellen verlichten 't werk zeer, als het noodig is de boot +weer in de vereischte richting te brengen, maar toch is het beter eerst +eenigen tijd dit toestel _niet_ te gebruiken. Het gemak, waarmee men +door een lichten druk van den voet eene afwijking der boot herstelt, +verleidt den sculler allicht om de gelijkelijke arbeid der handen te +veronachtzamen, en telkens zijn toevlucht te nemen tot 't stuurtoestel. +Het roer nu vertraagt den gang der boot door den tegenstand van 't +water. Hoe minder het dus gebruikt wordt, hoe beter. + +Zijn alle moeilijkheden overwonnen en heeft men zich een goeden stijl +als sculler eigen gemaakt, zoo kan men zich vleien met het bewustzijn +een hoogen trap van volmaaktheid in de schoone roeikunst bereikt te +hebben. + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +VIERDE HOOFDSTUK. + +HET STUREN EN DE STUURMAN (_coxswain_, _barreur_, _Steuermann_). + + +Evenals men den roeiliefhebber toeroept: "leer zwemmen vrdat gij in +de boot plaats neemt," raden wij den aanstaanden _stuurman_ aan om te +leeren roeien alvorens de stuurlijnen ter hand te nemen. + +Dikwijls komt het voor, dat iemand, door liefde tot de stuurmanskunst +aangetrokken, lid eener roeivereeniging wordt en dan maar terstond +als stuurman in eene boot plaats neemt zonder zich de moeite te willen +getroosten eerst te leeren roeien; immers, aldus redeneert hij, roeien +en sturen zijn geheel verschillende kunsten en hebben niets met elkaar +gemeen. + +Wij behoeven zeker niet te zeggen, welke gevaren een ploeg, door zulk +een stuurman gestuurd, bedreigen. + +Daar zit hij dan op den stuurbank in eene gedwongene houding, onbekend +met de kommando's, bij elken slag met het bovenlijf naar voren +slingerende, dan naar bakboord dan weer naar stuurboord glijdende, bij +de minste afwijking van den boeg z hevig aan een der stuurlijnen +trekkend, dat de boot plotseling veel te ver naar de andere zijde +vliegt, en bij het minste gevaar aarzelend en gereed om de stuurlijnen +te laten glippen. + +Neen, eerst leeren roeien en dan sturen zij ieder aangeraden. + +Een roeier zal, wanneer hij op den stuurbank plaats neemt, zijn +bovenlijf recht gestrekt houden en zorgen dat de boot niet naar ne +zijde overhelt, daar hij als roeier geleerd heeft hoe lastig dit voor +de roeiers is. Hij zal een vast punt in de verte in het oog houden en +daarop steeds aansturen, daar hij als roeier heeft ondervonden, hoe het +zigzag sturen de roeiers afmat en den gang der boot vertraagt. Hij zal +de stuurlijnen steeds gestrekt houden, daar hij hierdoor alleen de boot +haren rechten koers zal kunnen doen behouden. + +Verder moet de stuurman zijne beenen als een Turk gekruist houden en de +knien zoover mogelijk uitgespreid. Tevens zal hij zooveel mogelijk +onbeweeglijk zitten en niet elke beweging der boot volgen; dat hij bij +elken slag door de meegevende beweging van het bovenlijf de snelheid der +boot zou bevorderen, is louter fictie; immers zal hij bij het einde van +den slag dezelfde beweging weer achterwaarts moeten maken om zijne +gewone positie te herkrijgen en dus daarbij ook de snelheid der boot +weer verminderen. Het eenig gevolg van dat heen- en weerslingeren is +dus, dat hij door onvast op den bank te zitten de roeiers in hunne taak +zal hinderen en door onbedoelde rukken aan een der stuurlijnen den gang +der boot kan belemmeren. + +Ieder stuurman behoort verder met de volgende regels bekend te zijn: + +1. eene boot, die stroomopwaarts gaat, moet aan den oever blijven en +elke boot, die zij ontmoet, aan den binnenkant, d. w. z. in het midden +van den stroom laten passeeren. + +2. eene stroomafwaarts varende boot houdt het midden van den stroom en +laat eene haar ontmoetende boot aan den buitenkant voorbijgaan. + +3. eene boot, die eene andere boot inhaalt, moet voor deze uithalen om +te passeeren, terwijl de ingehaalde boot ongestoord haren koers kan +vervolgen. + +4. ontmoeten twee booten elkaar op niet stroomend water, zoo wijken +beiden naar stuurboord uit en ieder laat dus de andere aan bakboord +passeeren. + +5. eene boot met stuurman moet uitwijken voor eene boot, die zonder +stuurman vaart. + +6. eene roeiboot moet steeds voor eene zeilboot uitwijken. + +7. een tweeriems moet voor een vierriems--een vierriems voor een +zesriems--en deze weer voor een achtriems uitwijken. + +Dit over de plichten van den stuurman in het algemeen. + +Thans nog het een en ander over de taak, die hij op wedstrijden heeft te +vervullen. + +Raceroeiers noemen den stuurman wel eens een noodzakelijk kwaad, en +vooral de Franschen en Belgen schijnen deze meening zeer te zijn +toegedaan, waarom zij dit kwaad maar zoo klein mogelijk trachten +te maken en met de kleinste exemplaren van het genus "stuurman" op +wedstrijden verschijnen. Gewoonlijk zijn het kinderen van 25 30 kilo, +aan wie in die landen op wedstrijden het roer wordt toevertrouwd. Dat +zulk een knaap slechts pro forma in de boot zit ingevolge het reglement, +dat een wedstrijd voor "booten _met_ stuurman" heeft uitgeschreven, +spreekt van zelf, daar de slag in werkelijkheid het bevel voert en hem +gedurende den ganschen kamp instructies moet geven. + +Het voordeel van dezen maatregel ligt voor de hand: de roeiers hebben +minder ballast mee te trekken en de snelheid der boot kan daardoor +grooter zijn. + +Doch ook de nadeelen, die uit die instelling voortvloeien, zijn niet +gering te schatten. + +Zoo de wedstrijd op een water, dat zeer onstuimig is of waar vele +vaartuigen de baan her- en derwaarts doorkruisen, plaats vindt, zullen +kinderen al zeer slechte leiders zijn op dat moeilijke pad, en +ongelukken zullen allicht voorkomen. + +Een goed stuurman kan door eene juiste kennis van den invloed van wind +en stroom op den gang der boot zijn ploeg menigen omweg en veel +krachtsinspanning besparen. + +Wanneer wij bedenken, hoevele wedstrijden met eene bootslengte of minder +gewonnen zijn, dan is het duidelijk, dat een goed stuurman, die de boot +iedere afwijking, hoe gering ook, bespaart, en van elken gunstigen +toestand van wind of stroom onmiddellijk partij weet te trekken, in +vele gevallen voor een groot deel tot de overwinning heeft bijgedragen. + +En hoe kan men dit van een kind eischen? Hoe kan men in een kind die +tegenwoordigheid van geest, dien vasten wil, dat vlug begrip verlangen, +die zoo noodzakelijk zijn tot het vormen van een racestuurman in den +waren zin van het woord? Wij herinneren den lezer slechts aan de wijze, +waarop door belgische ploegen op wedstrijden de boeien worden gemaakt, +waarbij zij steeds een eind tegen nederlandsche ploegen verliezen. + +Ook zouden wij er op kunnen wijzen, hoe bespottelijk het is op +wedstrijden in genoemde landen den slag voortdurend tegen zijn "petit +barreur" te hooren schreeuwen en onophoudelijk te zien omkijken, in +plaats van op het tempo zijner slagen en de conditie zijner mederoeiers +te letten. Door dat geschreeuw n van den slag n van den stuurman, die +zonder ophouden zijn "tirez donc" laat hooren, worden ook de ooren der +toeschouwers op een allesbehalve welluidend concert vergast. + +Neen, in dat opzicht is het in Nederland beter. + +De gecombineerde vergadering van alle nederlandsche roeivereenigen, in +1885 te Amsterdam gehouden, heeft besloten, dat op onze wedstrijden +slechts stuurlieden worden toegelaten, die minstens 60 kilo wegen, +zoodat hierdoor het kwaad voorkomen wordt, dat sedert jaren in Frankrijk +en Belgi voortwoekert. + +Het is dus wel te verwachten, dat men binnenkort in Belgi ons voorbeeld +volgen en een niet te laag minimum-gewicht voor den racestuurman zal +vaststellen. + +Het is namelijk noodzakelijk, dat deze taak door iemand wordt +waargenomen, die in staat is met vaste hand den koers der boot te +bepalen, van elk voordeel partij te trekken, den roeiers op den +wedstrijd moed kan inboezemen en hen, zoo zij verslappen, met nieuwe +krachten weet te vervullen en tot de uiterste inspanning aan te sporen. + +En in dat geval, is de stuurmanskunst eene edele kunst en kan de +stuurman met evenveel recht trotsch zijn op zijne behaalde medaille als +de roeier op de zijne. + +Verkiest men echter zonder stuurman te roeien, zoo kieze men +wedstrijden voor booten, die door een der roeiers worden gestuurd, doch +trachte niet den edelen roeisport te verlagen door gehuurde kinderen in +de boot te nemen en aldus een voordeel op zijne tegenpartij te erlangen. + +In vele landen is het roeien in booten, voorzien van een _stuurtoestel_, +(_steering-apparatus_), reeds doorgedrongen. + +Het is eene amerikaansche uitvinding, die het gemis van een stuurman +mogelijk maakt door diens taak aan een der roeiers op te dragen. Op de +spoorplank van een der roeiers namelijk is een toestel aangebracht, dat +met de stuurlijnen in verband staat en den roeier in staat stelt de boot +met zijne voeten naar rechts of links te wenden. + +Er zijn drie soorten van dit stuurtoestel, die allen, hoewel in +hoofdzaak aan elkaar gelijk, in samenstelling een weinig verschillen. +Het beste wordt vervaardigd door ~Searle & Sons~ te Londen. + +Het spreekt van zelf, dat het gebruik van dit toestel van den roeier +groote vaardigheid vereischt, zoodat het in eene meerriemsboot +gewoonlijk aan den bekwaamsten roeier wordt opgedragen. + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + + +VIJFDE HOOFDSTUK. + + Multatulit fecitque puer, sudavit et + alsit, abstinuit venere et vino. + +DE TRAINING. + + +Een enkel woord vooraf over de keuze der roeiers en over de +samenstelling van eene ploeg is hier op zijne plaats. Dikwijls wordt +bij de samenstelling van eene raceploeg meer gelet op physieke kracht +dan op vaardigheid in 't roeien. Men gaat dan van 't denkbeeld uit, +dat degenen, die men gekozen heeft om hunne sterke spieren, met eenige +oefening zich een goeden stijl wel eigen zullen maken. + +Het is gemakkelijk aan te toonen dat deze wijze van handelen onjuist is, +en wel om de eenvoudige reden dat de grondstelling waarvan men uitgaat, +nl. dat ieder door oefening eene goede methode van roeien zich zal +kunnen eigen maken, met de waarheid in strijd is. Er zijn er, die nooit +leeren roeien, er zijn er ook, die slechts door langdurige oefening het +tot op een zekere hoogte brengen. + +Daarom is het raadzaam in de 1e plaats te letten op den aanleg voor en +de vaardigheid in 't roeien, en slechts in de 2e plaats in aanmerking te +nemen de physieke kracht. + +Overigens is over de lichamelijke vereischten voor een roeier weinig +te zeggen. Het spreekt van zelf dat goede longen en een normaal werkend +hart onmisbaar zijn. Heeft men die niet, dan is zelfs eene proefneming +om de vermoeienissen der training te doorstaan reeds gevaarlijk voor +de gezondheid, terwijl de ploeg door het uittreden van een der leden +gedupeerd is, daar men nu met een ander opnieuw zal moeten beginnen te +oefenen. + +Twijfelt men daarom maar eenigszins aan de volkomene gezondheid van een +der genoemde organen, dan doet men goed zich vooraf door een medicus te +doen onderzoeken. + +Groote spierkracht, wij hebben het reeds gezegd, is geen +hoofdvereischte. Tot bewijs van deze bewering beroepen wij ons op het +feit dat zoovele groote roeiers van mindere lichaamskracht zich den baas +hebben getoond van anderen, die over veel grooter physieke kracht konden +beschikken. Een treffend voorbeeld is geweest ~Robert Coombes~, een man +van zeer kleine gestalte en slechts 56 K.G. wegende, die in 1846 het +Championnaat van Engeland won, en de eerste roeier van zijn tijd was. +En nemen wij ~Hanlan~ zelf, welk verschil van lichaamskracht bestaat er +niet tusschen hem en ~Trickett~, ~Laycock~, ~Ross~ en andere reuzen, +die allen voor hem 't onderspit moesten delven. En ook onder de +eerste amateurs kennen wij immers roeiers die, ten opzichte van hun +lichaamskracht, niet boven 't middelmatige gingen, b. v. ~Mr. Lowndes~ +van Oxford, die eenige jaren het Championnaat van de Thames wist te +veroveren. + +Maar hiermede willen wij geenszins aantoonen dat groote spierkracht van +geen nut is. Zeker zal, wanneer bij 2 roeiers alle voordeelen gelijk +zijn, de grootere kracht bij den n de schaal naar zijn kant doen +overhellen. Maar ze is niet van zooveel gewicht als men over 't algemeen +gelooft, en in geen geval kan ze in de plaats komen van 't gemis aan +eene goede methode van roeien. Men zorge echter bij de keuze van roeiers +niet gedecideerd zwakke personen te nemen, daar het noodig is dat ze +gedurende elken slag op zich zelf den riem gemakkelijk door 't water +halen; anders kan men niet verwachten dat ze diezelfde beweging +honderden malen zullen kunnen herhalen. + +Aangeboren taaiheid strekt tot aanbeveling. + +Ook geeft eene lange, slanke gestalte een voordeel bij het roeien, +omdat men dan om een even grooten slag te maken als door iemand van +korter, meer ineengedrongen lichaamsbouw wordt gemaakt, zijn lichaam +minder voorover en achterover behoeft te strekken, en dus vanzelf +gemakkelijker roeit. + +Na de keuze der roeiers gaat men over tot de aanwijzing van ieders +plaats in de boot. Hierbij zijn eenige regels in acht te nemen. Als +slagroeier (_strokeman_, _chef de nage_, _Schlagmann_) kieze men den +besten roeier, of hem, die door meerdere geoefendheid boven de anderen +uitmunt. De slagroeier is 't, die de grootste verantwoordelijkheid in +de boot draagt. Vertraagt hij zijn tempo, verliest zijn slag de noodige +veerkracht, noodwendig moet dit terugwerken op de anderen, want ze +moeten hem volgen, en al waren ze de beste roeiers der wereld, ze kunnen +er niets aan doen. + +Ook zijn kalmte en koelbloedigheid zeer gewenschte eigenschappen in hem, +om dezelfde reden, dat hij 't tempo moet aangeven. Een zenuwachtige slag +heeft dikwijls een wedstrijd doen verliezen, evenals kalmte en beleid +hem vaak doen winnen. Te gelegener tijd uitgevoerde "_spurtjes_", het +juist gebruik maken van zwakke oogenblikken van de tegenpartij, zijn +dikwijls beslissend geweest op een race tusschen ongeveer gelijkstaande +ploegen. + +In die oogenblikken is het de taak van de overige leden der ploeg, maar +vooral van den 2en slagroeier, om oogenblikkelijk 't veranderd tempo +te volgen; geen halve slag mag daardoor ongelijk worden, op 't zelfde +oogenblik dat de slagroeier zijn tempo verandert, moeten de overigen dit +als een elektrischen schok voelen; wij herhalen het, in de 1e plaats de +2e slagroeier, want volgt hij niet, dan zullen alle stuurboordroeiers +eveneens achterblijven; hij is als 't ware de slagroeier aan stuurboord. + +Bij de aanwijzing van ieders plaats komt 't gewicht in aanmerking. Het +grootste gewicht moet in 't midden der boot gelegd worden, dus in een +vierriemsgiek zijn 2e slagroeier en 2e boeg de zwaarste personen, zoo 't +kan de 2e slag nog zwaarder dan de 2e boeg. De boeg (_bow_, _brigadier_, +_Bug_) is de lichtste, terwijl de slagroeier minder gewicht moet hebben +dan de twee in 't midden der boot gezetenen. De gewichtsverdeeling +is echter niet van overwegend belang; stel dat iemand door zijn +regelmatig tempo, etc., de meeste geschiktheid bezit als slagroeier, +maar tevens de zwaarste van de ploeg is; dit laatste zal dan geen +verhindering mogen zijn om hem als slag te doen plaats nemen. Eerst +wanneer een tweede, wat die geschiktheid betreft, met hem gelijk staat, +zal de gewichtsverdeeling in aanmerking mogen komen. 't Gewicht aan +bakboord moet ongeveer gelijk zijn aan dat aan stuurboord; anders zou +de boot naar n kant "overliggen", hetgeen alleen verholpen kan worden +doordat de stuurman meer naar den kant van 't minste gewicht gaat +zitten. Behalve dat dit laatste nadeelig voor de boot is, heeft het nog +dit inconvenient dat de stuurman bij de minste schommeling van de boot +door wind of golven weer naar 't midden van zijn zitplaats zal glijden, +in welk geval 't evenwicht weer verloren is. + +Een punt aan groot belang is dat de krachten aan stuurboord en aan +bakboord zooveel mogelijk gelijk zijn, zoodat, wanneer 't roer +losgelaten wordt, de boot eene rechte lijn volgt en geen van beide +boorden, zooals 't heet, "_overgetrokken_" wordt. Duidelijk is het, +waarom. + +Trekt een van de boorden over, dan ziet de stuurman zich genoodzaakt +voortdurend 't roer naar n kant om te halen, hetgeen met meer of +mindere kracht voortdurend het vaartuig in zijn gang tegenhoudt. + + * * * * * + +Zijn de roeiers gekozen, is ieders plaats in de boot aangewezen, de +ploeg kan dan "_in training_" gaan. De beteekenis van 't engelsche woord +"_to train_" is africhten; hij, die de handeling pleegt is _de trainer_. + +In Engeland is dit gewoonlijk een "_professional_" (d. i. iemand, die +van een zekeren tak van sport, in casu van 't roeien, zijn beroep, zijne +broodwinning heeft gemaakt) of een gewezen _professional_, die in dienst +treedt bij eene roeivereeniging, om de ploegen voor de wedstrijden af te +richten, door hun, bij de oefeningen en bij hunne levenswijze met raad +ter zijde te staan en het noodige toezicht over hen uit te oefenen. +Ook in Duitschland is bij de groote roeivereenigingen de gewoonte om +trainers in dienst te nemen, heerschende, en in Frankrijk en Belgi niet +onbekend. + +In Nederland echter heeft ze nog geen ingang gevonden, hier worden de +jongere roeiers geoefend en getraineerd door hunne oudere collega's, +leden of eereleden van de vereeniging. Het behoeft nauwelijks gezegd te +worden dat eerstgenoemd gebruik veel voor heeft. De in dienst genomen +trainers toch zijn niet alleen beproefde roeiers, of het geweest, maar +bovendien menschen die er hun beroep van maken om de fouten in eens +anders methode te ontdekken, en in de roeikunst onderwijs te geven. Dit +nu is eene kunst op zich zelf. + +Het doel van de training is natuurlijk om de ploeg in den toestand +te brengen waarin zij haar toppunt heeft bereikt, en de baan in den +kortst mogelijken tijd aflegt. De engelschen zeggen dan dat men "_in +condition_" is. + +Daarvoor is noodig dat de roeiers reeds vrdat de training begint, goed +kunnen roeien. Het is een zeer verkeerd begrip, dat ze dat gedurende de +training wel kunnen leeren. Daarvoor is de tijd te kort; men moet dan +de laatste hand aan 't werk leggen, om zoo te zeggen, de puntjes op de +i zetten. Het spreekt van zelf, dat vooral bij jonge roeiers gedurende +de training de stijl zich aanmerkelijk nog zal verbeteren, maar men +mag het daarop niet aan laten komen, ze moeten reeds vr dien tijd +geoefende roeiers zijn. + +De training dient: 1. om van de verschillende roeiers n geheel te +maken. Het is mogelijk dat ieder op zich zelf goed is, maar de ploeg +slecht; 2. om de taaiheid der spieren, de kracht der longen en het +weerstandsvermogen van 't hart tot op 't maximum te brengen, dat ieder +der roeiers voor zich bereiken kan. + +Om dit doel te bereiken, moet men zich dagelijks vele vermoeienissen +getroosten, vele genietingen ontzeggen. Hieraan is 't dan ook toe te +schrijven, dat zoo velen zich niet aan het rgime willen onderwerpen. +Want dat er zijn, die van de training weinig zouden verwachten, kunnen +wij niet gelooven, wanneer de resultaten zoo helder aan den dag komen, +niet alleen op 't gebied van de roeisport, maar ook van de andere takken +van sport. Wanneer wij zien dat ~Axel Paulsen~, om wien te Leeuwarden +op zijne oefeningen de Friezen, als spreeuwen om een kraai, cirkels +beschreven, op den wedstrijd op de lange baan met glans overwon, wanneer +wij hem bewonderen als hij op het laatst even hard rijdt als in 't +begin, dan is 't onmogelijk dat wij in ernst over de training minachtend +de schouders ophalen. Moeten wij niet veeleer denken aan gemis aan +wilskracht, aan gemakzucht? + +In hem, die het wel aardig vindt aan een wedstrijd deel te nemen, en +dit als een grap beschouwt, kunnen wij het verschoonen, dat hij zich +niet aan de ontberingen wil onderwerpen, en zich niet al te veel moeite +getroost. Maar den echten liefhebber van den sport strekt het tot +schande! + + * * * * * + +Welke zijn nu de middelen om het bovenomschreven doel te bereiken? +Wanneer wij de handboeken over den roeisport opslaan in het hoofdstuk +over de training, dan vinden wij daarin een overvloed van voorschriften, +die in de kleinste bizonderheden de dagverdeeling en de levenswijze der +roeiers in training aangeven. Behalve dat meestal hierdoor te weinig +rekening wordt gehouden met 't verschil in lichaamsgesteldheid, in +krachten, in gewoonten van de verschillende roeiers, heeft deze wijze +van behandeling bovendien deze grove fout, dat de geheele regeling te +bezwarend, ja onuitvoerbaar wordt. Het is daarom ons doel in de volgende +regelen aan te geven eene wijze van training, die het minst mogelijk +afwijkt van de dagverdeeling, levenswijze en gewoonten in Nederland +in zwang. Ieder wijzige deze naar zijne bizondere bezigheden, die hem +verhinderen haar juist te volgen, zooals ze hier zal worden aangegeven. + +Ter bevordering van de regelmaat zullen wij de in acht te nemen +voorschriften in 3 cathegorien verdeelen. + +In de eerste plaats komt in aanmerking _de oefening in de boot_. +Noodzakelijk is 't hieraan de grootste zorg te besteden. Om het grootst +mogelijke nut van deze oefeningen te trekken moet men ze niet te snel +op elkander doen volgen. Twee oefeningen daags, ieder van 1 uur, zijn +wenschelijk, een des morgens en een des avonds (daar bij ons alle +wedstrijden in den zomer plaats hebben). De slag zorge er voor, vooral +in de eerste week der training, een niet te snel tempo aan te geven, +maar zulk een, dat door allen gemakkelijk gevolgd kan worden. Men moet +nog leeren gelijk roeien, men moet aan elkander gewennen en eenigszins +dezelfde manier van roeien verkrijgen; daarvoor is 't vooral noodig dat +men niet overhaast wordt. Gaat 't niet goed, dan is 't raadzaam om een +oogenblik te rusten; in 't algemeen is 't wenschelijk op de oefeningen, +na de helft van den afstand afgelegd te hebben, 10 min. of een kwartier +te rusten. Men zal dan dikwijls bemerken, dat op den terugtocht beter +geroeid wordt dan bij 't heengaan. + +Is er meer gelijkheid in de bewegingen van de roeiers gekomen, dan worde +het tempo versneld, en sommige kleine afstanden mogen zelfs met groote +krachtsinspanning geroeid worden. + +Men ga er echter niet te spoedig toe over een baan op tijd te roeien; +dit bederft den stijl en vergt te veel van de krachten der roeiers. +Eerst wanneer de roeiers aan elkaar gewoon zijn geraakt, en een paar +weken van de training achter den rug zijn, dan mag er "_een baantje +geroeid worden_." Maar dit mag niet te dikwijls herhaald worden, want +eene lange oefening van 1 uur is als regel veel beter. + +Het is o. i. nuttig dagelijks een "_start_" te maken, en gedurende 1 of +2 min. het versnelde tempo te behouden. Maar men beginne ook hiermede +eerst nadat de ploeg eenige vorderingen gemaakt heeft. + +Overigens is er weinig te zeggen van de wijze waarop in de boot geoefend +moet worden. Veel hangt af van de krachten der roeiers. Hiermede vooral +moet de trainer te rade gaan, en ook de bemanning zelve moet beoordeelen +hoeveel zij van haar krachten kan vergen. + +Maar wij wenschten toch, vooral voor jonge roeiers, een raad te geven: +men denke niet dat hoe grooter de dagelijksche arbeid is, des te +sterker de ploeg wordt, want het gevaar voor overspanning is dan +groot. Werkelijk, 't is geen zeldzaam geval, dat men op 't einde van +de training zwakker wordt, omdat men "overtrained" is; en dit is dan +meestal 't gevolg van 't overmatig baantjes roeien. + +De groote moeilijkheid, die zich bij de training voordoet, is juist +deze, dat men moet ontwijken twee klippen, aan den eenen kant te slappe +oefening, aan den anderen kant overspanning, in n woord, men moet +nabij komen aan het maximum, dat van ieders krachten kan gevergd worden, +zonder hem af te matten. + +Als tweede middel tot oefening van de spieren, maar vooral van hart en +longen, diene het _hardloopen_. + +Ook hiervoor geldt natuurlijk de waarschuwing tegen overspanning. Men +beginne daarom met slechts eenige minuten in kalmen draf te loopen, +en telkens op te houden, wanneer de ademhaling te moeilijk wordt. +Langzamerhand worden de afstanden grooter, en sommige daarvan met +grooter snelheid afgelegd. Op deze wijze gebruike men des morgens daags +een uur. Maar deze oefening mag geen afbreuk doen op de oefening in de +boot; zoodra men bemerkt dat men spoedig vermoeid wordt bij het roeien, +moeten de oefeningen in het hardloopen ingekort worden. + +Zoowel door de oefening in de boot als door 't loopen verliest men 't +overtollige vet. Dit is bevorderlijk voor de vrije werking van hart en +longen, en ook van de spieren. + +Maar wij houden het voor bepaald nadeelig om nog bovendien kunstmatig te +doen zweeten door b.v. na het hardloopen in bed onder de dekens te gaan +liggen, waardoor de transpiratie nog eenigen tijd wordt voortgezet, +zooals door sommigen (o. a. ~Victor Silberer~) wordt aangeraden. Op +deze wijze verliest men krachten, zonder dat de spieren, zooals bij +het natuurlijke zweeten 't geval is, door de gezonde oefening worden +gestaald. Bovendien wordt door strenge training, op de wijze zooals +hierboven is aangewezen, van zelf het vet tot een minimum +teruggebracht. + +Tot de derde cathegorie brengen wij de regels en voorschriften omtrent +de _levenswijze_ en het _dieet_ gedurende de training in acht te nemen. + +Eene geregelde levenswijze, vroeg naar bed en vroeg op, is eerste +plicht. Het spreekt van zelf dat na den vermoeienden dagelijkschen +arbeid het lichaam eene flinke rust noodig heeft. Veel hangt ook hier af +van ieders gewoonte; een bepaald aantal uren is daarom niet als regel +aan te geven, maar ieder zorge volkomen uitgerust des morgens op te +staan, zonder nochtans uit luiheid na voldoenden slaap in bed te blijven +liggen. + +Wat het te gebruiken voedsel betreft, zijn alle vet aanzettende spijzen +verboden, en moeten de krachtige spieren vormende gerechten gezocht +worden. Zoo zijn rundvleesch en des morgens bij 't ontbijt eieren +als hoofdvoeding te gebruiken. Ook bladgroenten zijn aan te raden; +daarentegen aardappelen, zetmeelinhoudende groenten, als boonen, erwten, +enz. kortom alle meelspijzen af te raden. + +Ook vette kost, als varkensvleesch, en ook al te versch brood is +nadeelig. + +Eene hoofdzaak bij de training is de onthouding van allerlei +genietingen; maar tevens zijn de voorschriften hieromtrent gegeven, die, +welke het meest overtreden worden, en waarbij men helaas! geneigd is +groote toegevendheid jegens zich zelven te betoonen. + +Dat de omgang met het andere geslacht streng verboden is, laat zich +gemakkelijk begrijpen. Vele krachtige sappen worden dan door het lichaam +verloren, die het onmogelijk missen kan, want, wij hebben het reeds +gezegd, dagelijks wordt het maximum krachtsinspanning van het lichaam +gevorderd; en het is onzin te beweeren, dat men door wat meer voedende +spijs te gebruiken de krachten kan herstellen, want ook de maag moet +reeds het maximum arbeid verrichten, reeds zooveel voedsel wordt +opgenomen, als mogelijk is zonder oververzadigd te worden. + +Dat 't gebruik van sterken drank en het rooken uiterst nadeelig is, het +is eene algemeen bekende zaak; 't eerste omdat het 't bloed te snel in +beweging brengt, het tweede omdat 't nadeelig op de longen werkt. Deze +moeten zooveel mogelijk zuivere lucht inademen; vandaar ook dat 't aan +te raden is, gedurende de training zooveel mogelijk in de open lucht te +zijn. + +Bier is nog bovendien om deze reden verboden, omdat het vet aanzet. +'t Gebruik van een enkel glas wijn, wij kunnen het eerder goed- dan +afkeuren, vooral bij het middagmaal en dan aangelengd met een weinig +water, omdat het in dezen vorm den dorst meer lescht dan zuiver water. + +Dikwijls ziet men roeiers in training na afloop van hunne oefeningen +groote hoeveelheden water drinken; en dit is zeer begrijpelijk, omdat +men door 't zweeten soms een bijna onlijdbaren dorst verkrijgt; en toch +is 't zeer verkeerd daaraan zonder eenigen tegenstand toe te geven. Men +drinke nooit een glas in n teug leeg; dit lescht den dorst niet, een +oogenblik daarna gevoelt men weer bijna evenveel behoefte, en op deze +wijze wordt de maag gevuld met plassen vloeibare stoffen, terwijl de +beschikbare ruimte, om 't zoo uit te drukken, gebruikt had moeten worden +tot opneming van krachtige spijzen. Een goede raad is 't om bij 't +drinken slechts kleine slokjes van tijd tot tijd te nemen; op die manier +wordt de dorst gestild door eene betrekkelijk kleine hoeveelheid. De +ondervinding heeft ons zelf geleerd welk verrassend resultaat men door +deze wijze van handelen kon verkrijgen. Gingen wij op eerstgenoemde +wijze te werk, door met groote teugen te drinken, dan waren wij +nauwelijks tevreden met 7 8 glazen water bij het middagmaal. Later +zagen wij in dat dit nadeelig was, en bemerkten toen, dat door de +hierboven aanbevolen methode reeds 3 glazen onzen dorst konden lesschen. + +De vraag, welke de duur van den trainingtijd moet zijn, is niet in 't +algemeen te beantwoorden. Het hangt van verschillende omstandigheden af. +In de eerste plaats van de lengte van de baan, die op den wedstrijd +afgelegd moet worden. Is deze kort, dan kan men volstaan met een korter +trainingtijd; is hij daarentegen lang, dan is ook eene langdurige +training noodig om "_in conditie_" te komen. Verder hangt de +beantwoording van de vraag af van de meerdere of mindere geoefendheid +der roeiers. Hebben deze reeds meermalen op wedstrijden medegedongen, en +dus reeds meermalen eene training medegemaakt, dan zullen ze eerder in +conditie zijn dan 't geval is met jonge roeiers, die voorzichtiger +behandeld moeten worden, kalmer moeten beginnen, en daarom langer tijd +noodig hebben. Onzes inziens zou als middelmaat kunnen dienen de tijd +van 6 weken. Maar in alle geval moeten allen reeds voor de eigenlijke +training geregeld eenigen tijd eene dagelijksche oefening hebben gehad, +daar 't lichaam anders niet voldoende in staat is om plotseling zulk +eene zware inspanning te verdragen. De overgang zou dan te schielijk +zijn. + + * * * * * + +Als slot van dit hoofdstuk laten wij volgen eene proeve van eene +verdeeling van den dag voor roeiers in Nederland. + +Men staat 's morgens om zeven of acht uur op, al naar men de gewoonte +heeft vroeg of laat zijne legerstede te verlaten. Het lichaam wordt met +koud water geheel gewasschen, of zoo de gelegenheid open staat, even in +'t water ondergedompeld, daarna met een ruwen handdoek hard afgewreven. + +Vr het ontbijt nog gaat men dan ongeveer een half uur uit en begint +zijne oefening in 't loopen op bovenvermelde wijze. Men mag zich echter +vr het ontbijt niet te veel vermoeien; daarom is het beter, zoo men +den tijd heeft, om deze oefening zeer kort te maken, en haar in den +middag te herhalen. Men zorge steeds voor deze oefening andere kleeren +beschikbaar te stellen, die na afloop ervan uitgedaan worden, om 't +lichaam met een ruwen doek af te wrijven en schoon te droogen. Na drooge +kleeren aangetrokken te hebben, en toch vooral niet denzelfden flanellen +borstrok, gebruikt men een stevig ontbijt. + +Tot 1 uur is men vrij; op dat uur begint de oefening in de boot, en deze +duurt tot half drie. + +Om de lunch niet te kort hieraan te doen voorafgaan, beginne men er wat +vroeger mee, dan men gewoon is, zoodat een uur minstens verloopt na +afloop van de lunch vr 't begin van de oefening. Het overige gedeelte +van den namiddag is men vrij. Voor zoover deze vrije uren niet bezet +zijn door bezigheden, waartoe men door zijn werkkring verplicht is, +brenge men ze door in kalme beweging zooveel mogelijk in de open lucht. +Liggen is in alle geval verkeerd. + +Na het diner begint om 7 uur of half acht de 2e oefening in de boot; +deze duurt tot half 9 of 9 uur. Niet te kort voordat men zich te ruste +begeeft wordt nog een matig avondmaal gebruikt, bestaande uit niet te +zware spijzen; om half 11 of 11 uur gaat men ter ruste. + +Het zal niet voor iedereen mogelijk zijn deze dagverdeeling te volgen, +maar, wij herhalen het, hij wijzige ze dan naar de eischen van zijne +werkzaamheden, zooveel mogelijk echter z, dat de lichamelijke arbeid +over den geheelen dag wordt verdeeld. + +Het komt ons voor dat wie, zooveel in zijn vermogen is, dezen leefregel +volgt en daarbij de andere gegeven voorschriften nakomt, het onschatbare +genoegen zal smaken dagelijks zijne vorderingen te bemerken, en telkens +bij de oefeningen zich sterker en veerkrachtiger te gevoelen. Met +zelfvoldoening zal hij op 't einde van de training kunnen terugzien op +den zoo goed gebruikten tijd, waarin hij zijn lichaam gehard, zijne +wilskracht gestaald en zijn levenslust opgewekt heeft. Met een kalm hart +en een gerust geweten zal hij op den dag van den wedstrijd op de baan +verschijnen, die voor hem wellicht roemvol zal worden! + +[Decoratieve illustratie] + + + + +[Decoratieve illustratie] + + + +ZESDE HOOFDSTUK. + +DE WEDSTRIJD (_race_, _course_, _rennen_). + + +Eindelijk is dan de lang verwachte dag aangebroken, die door eene +overwinning of eervolle nederlaag de kroon op het werk zal zetten. +Velen zijn van meening, dat de roeiers op den dag vr den wedstrijd +denzelfden leefregel moeten volgen, dien zij den ganschen trainingtijd +hebben gehad; dus de loopoefening, roeioefeningen, enz. ook dien dag +waarnemen. Anderen raden aan, dat eene raceploeg dien dag in volkomen +rust moet doorbrengen om op die wijze als 't ware dubbele krachten voor +den wedstrijd zelf te verzamelen. + +Wij zijn het meer eens met de laatsten en kunnen deze methode bij +ondervinding als de beste aanbevelen. Een eindje kalm roeien is dan +goed, maar alle inspanning moet vermeden worden. + +Wat dus nog al eens in de laatste weken van dien tijd gedaan wordt, +"_het zoogenaamde baantje roeien_", mag op den dag vr den wedstrijd +volstrekt niet geschieden. + +Het beste is om alsdan met kalmen slag de baan een paar keeren af te +roeien, zoowel voor den stuurman om zijn koers voor den volgenden dag +vast te stellen, als voor de roeiers om zich te orinteeren en aldus +in staat te zijn gedurende den strijd hunne krachten verstandig te +verdeelen. + +Op den voorgaanden dag dus nooit de roeiers afmatten! + +Twee uren vr den aanvang van den wedstrijd gebruiken de roeiers een +stevig, maar niet overvloedig maal, bestaande uit vleesch en eieren; +en daar de wedstrijden bij ons te lande meestal te 1 ure aanvangen kan +dit maal dus gevoeglijk als lunch gelden, en zal er een kop koffie bij +kunnen gebruikt worden. + +De stuurman begeve zich intusschen, zoo hij dit den vorigen dag nog +niet gedaan heeft, naar de regelingscommissie om alle noodzakelijke +inlichtingen aangaande afgaan, baan, draaiboeien, passeeren der winboei, +enz. te verkrijgen. + +Na dan een uurtje met praten te hebben doorgebracht, wordt het al +spoedig tijd zich naar het terrein van den strijd te begeven, de boot +te water te laten en een oogenblik met kalmen slag op en neer te roeien +om de spieren wat lenig te maken. + +Daarna gaan de roeiers op een beschaduwd plekje zitten tot het nummer +aan den seinpaal wordt geheschen, dat den wedstrijd aankondigt, waarin +zij zullen mededingen. Mochten zij alsdan dorst of liever een droge keel +hebben, zoo zal een slok spuitwater geen kwaad doen. Men moet echter +op den dag van den wedstrijd niet drinken, zoo men er geen bepaalde +behoefte aan heeft, en ook dan nog de kleinste hoeveelheden. + +De ploeg stapt dus in, zorgt dat de sliding-seats goed loopen; dat het +stootleer van den riem goed, doch niet al te rijkelijk gesmeerd is; dat +de spoorplank goed vastzit; dat de voetriem geen gevaar loopt te breken; +dat de kleederen niet kunnen knellen, doch vrij en los om het lichaam +zitten. Nauwlettendheid is hierbij noodig, daar op alle wedstrijden +slechts ongevallen, die door de schuld van mededingers zijn veroorzaakt, +recht tot reclame geven. De stuurman zorgt, dat zijne stuurlijnen niet +doorgesleten zijn op het juk van het roer, dat zijn zitkussen stevig op +den bank bevestigd is, zoodat hij er niet mede naar de zijden kan +glijden. + +Hij bespreekt nog even met den slag eenige zaken, die zij op den vorigen +dag hebben overgelegd b.v. welke theorie te volgen met het afgaan, welke +draaiboei te nemen, zoo men de keus heeft, op welke punten spurts te +maken, enz. + +En daar ligt dan de boot aan de afvaartsboei, wachtende op het schot. + +De stuurman heeft beide stuurlijnen in zijn eene, de afvaartsboei in de +andere hand, gereed om deze los te laten zoodra het schot afgaat en dan +de stuurlijnen terstond op de gewone wijze in handen te nemen. + +De roeiers moeten zwijgen en op elk woord van den stuurman letten, die +natuurlijk zorgt de boot recht te houden in den voorgeschreven koers en +daartoe nu bakboord dan stuurboord iets zal laten ophalen of strijken. + +De roeiers zien met voorovergebogen lichaam en gestrekte armen recht +voor zich uit en hebben slechts op den slag te letten om tegelijk met +hem te kunnen beginnen. Daartoe houden zij dan ook voortdurend het blad +van den riem in het water. + +Wij herhalen het: de roeiers moeten letten op den slag en niet op het +schot. Zoo allen op het hooren van het schot willen afgaan, zal de start +nooit zoo regelmatig zijn, als wanneer zij slechts op den slag en op +niets anders om zich heen letten. + +De slag vangt het schot op d. i. hij moet niet wachten, tot het schot +heeft weerklonken, doch als 't ware tegelijk met het afgaan ervan zijn +slag beginnen. Op dat oogenblik werpt de stuurman de afvaartsboei flink +zijwaarts van zich af, zoodat deze in het water en niet in de boot +terecht komt. Wij hebben meermalen gezien, dat de stuurman dat touw, aan +het einde gewoonlijk van een stuk kurk voorzien, in plaats van in het +water, achter zich in de boot wierp, waar het om een latje slingerde en +de boot vasthield. De roeiers moesten dan eerst zich aftobben om door +wanhopig rukken dat weerspannige touwtje of het latje waarom het zich +gedraaid had, stuk te trekken, vrdat zij zich op weg konden begeven. + +Wij behoeven niet te zeggen, hoe zulk een oogenschijnlijk klein en +vergeeflijk verzuim van een stuurman een zes weken langen arbeid kan +vruchteloos maken. + +Dus het schot heeft weerklonken en pijlsnel schiet de boot voorwaarts. +Van dat oogenblik af hebben de roeiers slechts op den slag te letten; +zoo hij het tempo versnelt, moeten zij hem hierin terstond volgen; zoo +hij het aantal slagen vermindert, ook hierin n met hem zijn; van +praten onder den wedstrijd mag geen sprake zijn; slechts de slag zal nu +en dan aan den stuurman zijn wil door een wenk te kennen geven, zoodat +deze laatste op elke beweging van den slag moet letten, geene vragen aan +hem zal doen, waarop het antwoord uit eenige woorden moet bestaan, doch +zijne vraag aldus inkleeden, dat een knik van den slag voldoend antwoord +is. + +Op wedstrijden heeft ieder wel stuurlieden in functie gezien, die +door ontzettend te schreeuwen hunne roeiers aanvuren en schor van die +inspanning aan land stappen. Dat schreeuwen is natuurlijk tot niets +nuttig en zal slechts den lachlust van het publiek kunnen opwekken. Wl +kan het kwaad doen: namelijk de roeiers reeds in het begin tot te groote +inspanning verleiden, en niets is op een wedstrijd gevaarlijker dan dat. + +Daarom, stuurman, spreek kalm tot uwe roeiers. Het zullen natuurlijk +meestal personen zijn, die gij goed kent, zoodat gij allicht weet, welke +snaren in hun gemoed moeten worden aangeroerd om hun moed in te +boezemen; en dan zal het wl zooveel indruk maken, zoo gij hen dit kalm +en flink toevoegt, dan indien gij met een rood gelaat als een bezetene +zit te brullen en te springen. + +Thans nog het een en ander over het afgaan. + +Vraagt men, wat beter is: terstond alle krachten in te spannen om van +den aanvang af de leiding op zich te nemen of in het begin niet al te +veel "er op te zetten", teneinde dan later te toonen wat men kan, zoo +zouden wij hierop in het algemeen geen antwoord willen geven, maar wel +na eerst de ploeg te hebben leeren kennen, waarvoor het gevraagd wordt. + +Eene ploeg, uit zenuwachtige personen bestaande, zal, zoo zij vr is, +al terstond rustiger gestemd worden en dus beter samenwerken. Voor +zulke roeiers is het derhalve wel wenschelijk, om, zoo het niet al te +veel inspanning moet kosten, reeds in den aanvang vr te komen. Vooral +voor jonge roeiers dus zal dit meestal verkieslijk zijn. + +Wat daarentegen ervaren, bedaarde roeiers betreft, die er zich in 't +minst niet om bekommeren of zij aanvankelijk vr of achter zijn, die +met een glimlach toezien hoe hunne tegenstanders in woeste vaart hen +voorbijvliegen en hunne krachten in het begin verspillen, zulke roeiers +zouden wij altijd aanraden flink maar kalm af te gaan. + +Wij hebben eene bepaalde baan steeds in korteren tijd afgelegd, wanneer +wij bedaard vertrokken en al ons kunnen in het laatste gedeelte legden, +dan zoo wij hard afgingen en de baan, naar ons gevoel althans, toch ook +konden uitroeien. + +Het spreekt van zelf, dat ook dat kalm afgaan en krachten sparen voor +het laatst niet moet overdreven worden. Ook dan kan men in een fout +vervallen, die de overwinning kosten kan. + +Op de verstandige verdeeling der krachten komt dus veel aan. + +In andere landen zijn meestal alle roeivereenigingen tot een bond +vereenigd, die reglementen voor wedstrijden vaststellen, welke dus voor +al die vereenigingen bindend zijn. Bij ons is dit niet het geval, en +laat elke vereeniging, die een wedstrijd uitschrijft, op het programma +tevens de voor dien wedstrijd geldende bepalingen drukken. + +Het is misschien wenschelijk, dat de jaarlijksche vergadering te +Amsterdam dit punt eens op haar programma plaatste, n.l. het vaststellen +van een reglement voor roeiwedstrijden, uitgeschreven door nederlandsche +R. of Z. vereenigingen. + +Eenige bepalingen, die algemeen zijn aangenomen, vindt men op elk +programma terug, o. a. hetgeen wij over het recht tot reclame zeiden. + +Op een paar willen wij nog wijzen: + +Een roeier wordt _junior_ genoemd, wanneer hij vr den 1sten Januari +van dat jaar nog geen eersten prijs heeft gewonnen, of slechts op +wedstrijden tusschen leden eener zelfde vereeniging of matches +(wedstrijden tusschen twee particulieren tengevolge eener uitdaging). + +Behaalt een roeier een eersten prijs tegen een of meer vereenigingen, +zoo wordt hij met ingang van het volgende jaar _senior_ en mag nooit +meer op wedstrijden, uitgeschreven voor juniores, uitkomen. + +In Belgi geldt echter de bepaling, dat men slechts door het winnen van +een eersten prijs op een _internationalen_ wedstrijd senior wordt. +Nationale wedstrijden noemen zij _courses d'entranement_. + +Oarsmen en scullers vormen twee op zich zelf staande groepen, zoodat een +prijs door een oarsman behaald, den winner wl als oarsman doch niet +als sculler senior maakt; en zoo omgekeerd. + +Wij laten nog als slot volgen een _concept algemeen reglement voor +wedstrijden_: + +1. Het sein van afvaart wordt door den "starter" gegeven, nadat deze +zich verzekerd heeft, dat alle mededingende partijen gereed zijn. + +2. Indien de starter van oordeel is dat eenige onregelmatigheid +heeft plaats gehad bij de afvaart, dan zal hij dadelijk de partijen +terugroepen; elke partij, die weigert een tweede maal af te gaan, zal +buiten mededinging worden gesteld. + +3. Elke partij, die niet op 't bepaalde sein binnen den voor den +wedstrijd vooraf bepaalden tijd aan de afvaartsboei verschijnt, kan +buiten mededinging worden gesteld. + +4. Bij loting wordt aan iedere partij hare boei van omvaart aangewezen. + +5. Iedere partij moet gedurende de geheele baan in haar eigen vaarwater +blijven. Begeeft zij zich in een anders water, dan geschiedt dit op haar +eigen risico; met ieders water wordt bedoeld die lijn recht voor zich +uit, die evenwijdig loopt met den koers van de andere booten tot aan de +winboei toe. + +6. De partij, door wier schuld aanvaring of averij ontstaat, verliest +alle aanspraak op den prijs, tenzij de scheidsrechter, wegens het +onbeduidende er van, anders mocht beslissen. + +7. Averij, niet door toedoen van mededingers geschied, geeft geen recht +tot reclame. + +8. In geval van aanvaring kan de scheidsrechter beslissen, dat de +mededingende partijen behalve die, door wier schuld de aanvaring is +geschied, nogmaals op denzelfden dag of op een nader bepaalden anderen +dag de geheele baan tegen elkander roeien. + +9. Alle geschillen betreffende den race, van de afvaart af tot aan de +aankomst aan de winboei worden beslist in hoogste instantie door den +Scheidsrechter of door eene Jury, bestaande uit een oneven aantal leden. +Reclames moeten dadelijk na aankomst worden ingediend. + +10. De beslissing, welke partij 't eerst de winboei bereike, komt toe +aan een op die hoogte geposteerden persoon. + +11. De leiding van den wedstrijd is opgedragen aan eene afzonderlijke +commissie, die de volgorde van het programma bepaalt, vaststelt over +welke zijde de booten om de boei van omvaart moeten gaan, en de +stuurlieden de noodige aanwijzingen geeft. + +[Decoratieve illustratie] + + + + + +--------------------------------------------------------+ + | | + | OPMERKINGEN VAN DE BEWERKER: | + | | + | De volgende correcties zijn in de tekst aangebracht: | + | | + | Bron (B:) -- Correctie (C:) | + | | + | B: flotte de Csar Paris, | + | C: flotte de Csar, Paris, | + | B: en het _Chapionship_ van geheel Amerika, | + | C: en het _Championship_ van geheel Amerika, | + | B: vloeide het engelschegoud | + | C: vloeide het engelsche goud | + | B: en het _Campionship of the World_ | + | C: en het _Championship of the World_ | + | B: Moon, Magdalen Coll., Oxford | + | C: Moon, Magdalen Coll., Oxford. | + | B: 1861 Putney-Morlake. | + | C: 1861 Putney-Mortlake. | + | B: 1885 RowingClub 5 L. | + | C: 1885 Rowing Club 5 L. | + | B: 1885 M. Chaudoir " | + | C: 1885 M. Chaudoir, " | + | B: Messenger) P. M. 24{~PRIME~} 30{~PRIME~} | + | C: Messenger) P. M. 24{~PRIME~} 30{~DOUBLE PRIME~} | + | B: Boyd) op de Tyne foul | + | C: Boyd) op de Tyne foul. | + | B: aan de _ontriggers_ werden aangebracht. | + | C: aan de _outriggers_ werden aangebracht. | + | B: _swivling-rowlocks_ vervangen, en | + | C: _swiveling-rowlocks_ vervangen, en | + | B: (_filling_, _Dullenlager of | + | C: (_filling_, _Dullenlager_ of | + | B: Ftterung_). | + | C: _Ftterung_). | + | B: Dossunet~ te Joinville-le Pont | + | C: Dossunet~ te Joinville-le-Pont | + | B: prijsverhooging bij ~Deichman~ en | + | C: prijsverhooging bij ~Deichmann~ en | + | B: _Jui ste greep._ Fig. 6. | + | C: _Juiste greep._ Fig. 6. | + | B: dat 't lichaam op nieuw naar voren | + | C: dat 't lichaam opnieuw naar voren | + | B: Plotsing kan zich iets | + | C: Plotseling kan zich iets | + | B: borst te trekken, en begine | + | C: borst te trekken, en beginne | + | B: lift at the beginniug_", | + | C: lift at the beginning_", | + | B: slidingseat blijft op dezelfde | + | C: sliding-seat blijft op dezelfde | + | B: 2, Catching the water | + | C: 2. Catching the water | + | B: wind of stroom onmiddelijk partij weet | + | C: wind of stroom onmiddellijk partij weet | + | B: voorschriftenin 3 cathegorien | + | C: voorschriften in 3 cathegorien | + | B: starter van oordeel, is dat | + | C: starter van oordeel is dat | + | | + +--------------------------------------------------------+ + + + + + +End of the Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by +Pieter Helbert Damst and Frans Eduard Pels Rijcken + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT *** + +***** This file should be named 39035-8.txt or 39035-8.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + http://www.gutenberg.org/3/9/0/3/39035/ + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +http://www.pgdp.net + + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +http://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, are critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at http://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at http://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit http://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including checks, online payments and credit card donations. +To donate, please visit: http://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + http://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. diff --git a/39035-8.zip b/39035-8.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..e5ef6f1 --- /dev/null +++ b/39035-8.zip diff --git a/39035-h.zip b/39035-h.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..ff6f175 --- /dev/null +++ b/39035-h.zip diff --git a/39035-h/39035-h.htm b/39035-h/39035-h.htm new file mode 100644 index 0000000..7a15662 --- /dev/null +++ b/39035-h/39035-h.htm @@ -0,0 +1,5244 @@ +<!DOCTYPE html PUBLIC "-//W3C//DTD XHTML 1.1//EN" + "http://www.w3.org/TR/xhtml11/DTD/xhtml11.dtd"> + +<html xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml" xml:lang="nl"> + +<head> + <meta http-equiv="Content-Type" content="text/html;charset=iso-8859-1" /> + <meta http-equiv="Content-Style-Type" content="text/css" /> + + <title> + Nederlandsch handboek voor roeisport, by P. H. Damst en F. E. Pels Rijcken—A Project Gutenberg eBook. + </title> + <link rel="coverpage" href="images/titlepage.jpg" /> + <style type="text/css"> + +h1 {text-align: center; clear: both; margin-top: 2em; margin-bottom: 0.5em; font-size: 125%;} +big {font-size: 115%;} +small {font-size: 45%;} +h2 {text-align: center; clear: both; margin-top: 4em; margin-bottom: 1em; font-size: 100%;} +h2.ch {font-size: 120%;} +h2.h2inh {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em; font-size: 115%;} +h3 {text-align: center; clear: both; margin-top: 2em; margin-bottom: 1em; + font-weight: normal; font-size: 100%;} +h3.h3uitslag {text-align: center; clear: both; margin-top: 4em; margin-bottom: 1em; + font-weight: normal; font-family: sans-serif; font-size: 115%;} +.uvw {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em; + font-weight: bold; font-family: monospace; font-size: 133%;} + +p {text-align: justify; text-indent: 1em;} +p.tp {margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em; line-height: 2em; text-align: center; text-indent: 0em;} +p.subh2 {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; text-align: center; text-indent: 0em; + font-weight: normal; font-size: 100%;} +p.noi {text-indent: 0em;} +p.latijn {margin-left: 50%; font-size: 85%; text-indent: -1em;} +p.amateur {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; text-align: center; text-indent: 0em;} +p.definitie {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; margin-left: 2em; margin-right: 0em;} + +div.title {margin-top: 3em; margin-bottom: 1em; text-align: center;} +div.voorblad {margin-top: 3em; margin-bottom: 1em; text-align: center; font-size: 150%;} +div.verso {margin-top: 5em; margin-bottom: 4em; margin-left: auto; margin-right: auto; + width: 35em; font-size: 85%; text-align: center; border-top: 1px solid black;} +div.inhoud {margin-top: 3em; margin-bottom: 3em;} +div.voorrede {margin-top: 3em; margin-bottom: 3em; font-size: 85%;} + +/* TB */ +hr {width: 20%; clear: both; border: 1px solid black; + margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em; margin-left: auto; margin-right: auto;} +hr.tb {border-style: none;} +hr.hr20 {width: 20%; margin-top: 1.5em; margin-bottom: 1.5em;} +hr.fnsep {width: 10%; text-align: left; + margin-top: 0.5em; margin-bottom: 0.5em; margin-left: 0; margin-right: auto;} +hr.chin {width: 10%; margin-top: 1em; margin-bottom: 1em;} +hr.chbegin {width: 20%; margin-top: 1em; margin-bottom: 1em;} +hr.chbegin2 {width: 15%; margin-top: 1em; margin-bottom: 1em;} +hr.chend {width: 20%; margin-top: 2em; margin-bottom: 2em;} + +.pagenum {/* uncomment the next line for invisible page numbers */ + /* visibility: hidden; */ + position: absolute; left: 94%; text-indent: 0em; text-align: right; + font-size: small; font-weight: normal; font-variant: normal; font-style: normal; + letter-spacing: normal; color: #888888;} +span[title].pagenum:after {content: "[" attr(title) "] ";} + +/* TABLES */ +table {margin-left: auto; margin-right: auto; + padding: 0; border: 0; border-collapse: collapse;} +.toc {margin-top: 3em; margin-bottom: 1em; font-size: 85%;} +td.tdl {text-align: left; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em;} +td.tdltop {text-align: left; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em; vertical-align: top;} +td.tdlh3 {text-align: left; padding-left: 1.5em; padding-right: 0.5em;} +td.tdc {text-align: center; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em;} +td.tdj {text-align: justify; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em;} +td.tdr {text-align: right; padding-left: 0.5em; padding-right: 0.5em;} +.wedstrijd {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em;} +.wedstrijd caption {margin-top: 1em; margin-bottom: 0.5em; + margin-left: auto; margin-right: auto; text-align: center;} +.wedstrijd .race {font-weight: bold; display: block;} +.wedstrijd th {font-weight: normal; font-size: 75%;} + +/* BORDERS */ +.bl {border-left: 2px solid black;} +.bt {border-top: 2px solid black;} +.br {border-right: 2px solid black;} +.bb {border-bottom: 2px solid black;} +.bb1 {border-bottom: 1px solid black;} + +/* ALIGN */ +.clear {clear: both;} +.left {text-align: left;} +.center {text-align: center;} +.right {text-align: right;} +.floatleft {float: left; width: auto;} +.floatright {text-align: left; text-indent: 0em; float: right; width: auto;} + +sup {vertical-align: 0.3em; font-size: 75%;} +sub {vertical-align: -0.3em; font-size: 75%;} +.smcap {font-size: 80%;} +.mixcap {font-variant: small-caps;} +.g {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em; font-weight: normal; font-style: normal;} +.ls2 {letter-spacing: 0.2em; margin-right: -0.2em;} +.ls4 {letter-spacing: 0.4em; margin-right: -0.4em;} +.smalled {letter-spacing: -0.1em;} +.word1 {word-spacing: 0.1em;} +.word2 {word-spacing: 0.2em;} +ins.corr {border-bottom: 1px dotted red; text-decoration: none;} +ins.info {border-bottom: 1px dotted green; text-decoration: none;} +abbr {border-bottom: 1px dotted green; speak: spell-out;} + +/* LISTS */ +ol {margin-left: 0em; padding-left: 2em; text-indent: 1em;} + +/* IMAGES */ +img {border: 0;} +img.cap {float: left; margin: -0.2em 0.2em 0 0; position: relative;} +.figcenter {margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; margin-left: auto; margin-right: auto; + text-align: center;} +.figcenter2 {margin-top: 2em; margin-bottom: 4em; margin-left: auto; margin-right: auto; + text-align: center;} +.caption {text-align: center; font-size: 85%;} + +/* FOOTNOTES */ +.footnote {margin-left: 0%; margin-right: 0%; font-size: 85%; text-align: justify; } +.footnote .label {padding-right: 1.5em; text-decoration: none;} +.fnanchor {text-decoration: none; margin-left: 0.1em;} + +/* POETRY */ +.poem {margin-left: 10%; margin-right: 10%; text-align: left; font-size: 75%;} +.poem br {display: none;} +.poem .stanza {margin: 1em 0em 1em 0em;} +.poem div.i0 {display: block; margin-left: 0em; padding-left: 8em; text-indent: -8em;} + +.mono {font-family: monospace;} +.size50 {font-size: 50%;} +.size60 {font-size: 60%;} +.size67 {font-size: 67%;} +.size75 {font-size: 75%;} +.size85 {font-size: 85%;} +.size115 {font-size: 115%;} +.size125 {font-size: 125%;} +.size140 {font-size: 140%;} +.size210 {font-size: 210%;} +.size300 {font-size: 300%;} + +/* FRACTIONS */ +.fraction {display: inline; font-size: 100%; white-space: nowrap;} +.above {position: relative; margin: 0; padding: 0; vertical-align: 0.4em; font-size: 67%;} +.below {position: relative; margin: 0; padding: 0; vertical-align: -0.4em; font-size: 67%;} + +/* Transcriber Note */ +.TNbox {margin: 10% 10% 5% 10%; border: 1px solid; padding: 1em; + background-color: #dddddd; font-family: sans-serif; font-size: 90%;} +.TNbox h2 {font-variant: small-caps; font-size: 130%; letter-spacing: 0; + margin-top: 1em; margin-bottom: 1em; line-height: 2em;} +.TNbox p {text-indent: 0em; margin-top: 0.7em; margin-bottom: 0.7em;} +.TNbox table {width: 100%; font-size: 90%;} +.TNbox th {text-align: left;} +.TNbox td {text-align: left; vertical-align: top;} +td.td2 {width: 20%;} +td.td4 {width: 40%;} + +@media screen +{ body {margin-left: 8%; margin-right: 8%;} + p {margin-top: .4em; margin-bottom: .4em;} + .TNbox {margin: 10% 10% 5% 10%; background-color: #dddddd;} + img.cap {float: left; margin: -1em 0em 0 0; position: relative;} + p.drop {padding-top: 2em; text-indent: 0em;} + p.drop:first-letter {color: Window; visibility: hidden; margin-left: -0.65em;} +} + +@media print +{ p {margin: 0;} + .pagenum {display: none;} + ins {border: none;} + img.cap {float: left; margin: -1em 0em 0 0; position: relative;} + p.drop {padding-top: 2em; text-indent: 0em;} + p.drop:first-letter {color: Window; visibility: hidden; margin-left: -0.65em;} + +} + +@media handheld +{ body {margin-left: 2%; margin-right: 2%;} + p {margin-top: .2em; margin-bottom: .2em;} + .pagenum {display: none;} + img.cap {display: none;} + p.drop {text-indent: 1em;} + p.drop:first-letter {color: WindowText; visibility: visible; margin-left: 0;} +} + + </style> +</head> + +<body> + + +<pre> + +The Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by +Pieter Helbert Damst and Frans Eduard Pels Rijcken + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: Nederlandsch handboek voor roeisport + +Author: Pieter Helbert Damst + Frans Eduard Pels Rijcken + +Release Date: March 3, 2012 [EBook #39035] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT *** + + + + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +http://www.pgdp.net + + + + + + +</pre> + + +<div class="TNbox"> + + <h2>Opmerkingen van de bewerker</h2> + + <p>De tekst in dit bestand wordt weergegeven in de originele, verouderde spelling. + Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren.</p> + + <p>Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. + Voetnoten zijn hernummerd en verplaatst naar het eind van het hoofdstuk.</p> + + <p>Overduidelijke druk- en spelfouten in het origineel zijn gecorrigeerd; deze zijn voorzien van een + <ins class="corr" title="Bron: dnnne roed stipppellijn">dunne rode stippellijn</ins>, + waarbij de Brontekst via een zwevende pop-up beschikbaar is.<br /> + Variaties in spelling (met/zonder accent, met/zonder koppelteken, + met/zonder extra spatie, wel/geen hoofdletter) zijn behouden. + Bij het <i>Kampioenschap van Nederland</i> (blz. <a href="#p_33">33</a>) + zijn in de bron geen uitslagen vermeld.<br /> + Een extra verduidelijking of vertaling is beschikbaar bij woorden die voorzien zijn van een + <ins class="info" title="Vertaling of verduidelijking.">dunne groene stippellijn</ins>.</p> + + <p>Van het frontispiece en de titel is een vergroting beschikbaar door op de betreffende + illustratie te klikken.</p> + + <p>Een overzicht van de aangebrachte correcties is te vinden aan + <a href="#correctie">het eind van dit bestand</a>.</p> + +</div> + +<p><span class="pagenum" title="-"> </span><a id="p_i"></a></p> + +<h1><big>NEDERLANDSCH HANDBOEK</big><br /> +<small>VOOR</small><br /> +ROEISPORT.</h1> + +<p><span class="pagenum" title="-"> </span><a id="p_ii"></a></p> +<p><span class="pagenum" title="-"><br /> </span><a id="p_iii"></a></p> +<p><span class="pagenum" title="-"><br /><br /> </span><a id="p_iv"></a></p> + +<div class="figcenter2" style="width: 591px;"> + <a href="images/ill_fp.jpg"><img src="images/ill_fp-th.jpg" width="591" height="369" alt="" title="Klik voor vergroting (1330831px, 368Kb)" /></a> + <div class="caption">„<span xml:lang="fr">Sans nom</span>” op de Race van 8 Juni, 1884, bij Leiden.</div> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="-"> </span><a id="p_v"></a></p> + +<div class="title"> + + <div class="figcenter" style="width: 390px;"> + <a href="images/title.png"><img src="images/title-th.png" width="390" height="294" id="cover" alt="Nederlandsch Handboek voor Roeisport" title="Klik voor vergroting (702529px, 18Kb)" /></a> + </div> + + <p class="tp size60">DOOR</p> + + <p class="tp"><span class="mixcap">Dr.</span> P. H. DAMST<br /> + <span class="size50">EN</span><br /> + F. E. PELS RIJCKEN,<br /> + <span class="mixcap size75">Eereleden van de Leidsche Stud. R. V. „Njord”.</span></p> + + <div class="figcenter2" style="width: 177px;"> + <img src="images/deco1.png" width="177" height="13" alt="decoratieve illustratie" /> + </div> + + <p class="tp"><span class="size85">AMSTERDAM,</span><br /> + <span class="ls4 size115">H. G. BOM.</span><br /> + <span class="size67">(Warmoesstraat 35.)</span></p> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="-"> </span><a id="p_vi"></a></p> + +<p><span class="pagenum" title="-"><br /> </span><a id="p_vii"></a></p> + +<div class="inhoud"> + + <h2 class="h2inh"><a id="INHOUD"></a>INHOUD.</h2> + + <hr class="chin" /> + + <table class="toc" summary="inhoudsopgave"> + <tbody> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdl"></td> + <td class="tdr size75">Blz.</td></tr> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdl mixcap"><a href="#VOORREDE">Voorrede.</a></td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"><a href="#I">I.</a></td> + <td class="tdl mixcap">Geschiedkundig overzicht</td> + <td class="tdr"><a href="#p_1">1</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdlh3">Uitslag van wedstrijden</td> + <td class="tdr"><a href="#p_27">27</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"><a href="#II">II.</a></td> + <td class="tdl mixcap">De boot en hare onderdeelen</td> + <td class="tdr"><a href="#p_36">36</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdlh3">1. De boot</td> + <td class="tdr"><a href="#p_36">36</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdlh3">2. Onderdeelen der boot</td> + <td class="tdr"><a href="#p_41">41</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"><a href="#III">III.</a></td> + <td class="tdl mixcap">Het roeien</td> + <td class="tdr"><a href="#p_57">57</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdlh3">1. Algemeene opmerkingen</td> + <td class="tdr"><a href="#p_57">57</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdlh3">2. De eerste beginselen van de roeikunst</td> + <td class="tdr"><a href="#p_61">61</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdlh3">3. Nadere behandeling van sommige punten</td> + <td class="tdr"><a href="#p_74">74</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"></td> + <td class="tdlh3">4. Het scullen</td> + <td class="tdr"><a href="#p_93">93</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"><a href="#IV">IV.</a></td> + <td class="tdl mixcap">Het sturen en de stuurman</td> + <td class="tdr"><a href="#p_102">102</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"><a href="#V">V.</a></td> + <td class="tdl mixcap">De training</td> + <td class="tdr"><a href="#p_109">109</a></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdr"><a href="#VI">VI.</a></td> + <td class="tdl mixcap">De wedstrijd</td> + <td class="tdr"><a href="#p_127">127</a></td> + </tr> + </tbody> + </table> + + <hr class="chend" /> + +</div> + +<p><span class="pagenum" title="-"> </span><a id="p_viii"></a></p> + +<p><span class="pagenum" title="-"><br /> </span><a id="p_ix"></a></p> + +<h2 class="h2inh"><a id="VOORREDE"></a>VOORREDE.</h2> + +<hr class="chin" /> + +<div class="voorrede"> + + <p>Hoezeer wij volkomen bewust waren van het gewicht der taak die wij op + onze schouders laadden, toen wij het voornemen opvatten eene handleiding + voor Roeisport te geven, en dus eenigen schroom gevoelden, vrdat wij + den arbeid aanvingen, zoo heeft toch de liefde voor den Roeisport + dusdanig bij ons overgewogen, dat wij ons over dien schroom hebben + kunnen heenzetten.</p> + + <p>De Engelschen toch hebben hun <em class="g" xml:lang="en">Bradford Woodgate</em>, de Franschen bezigen + hiervan eene vertaling, in Duitschland verscheen onlangs een nieuwe druk + van <em class="g" xml:lang="de">Silberer</em>'s „<i xml:lang="de">Handbuch des Rudersport</i>,“ doch de nederlandsche + roeiers moesten zich met een dier buitenlandsche werkjes behelpen.</p> + + <p>Wij weten zelven te goed, dat het boekje, dat wij hierbij aan de + nederlandsche roeiers aanbieden, verre van volledig is en vele gebreken + heeft, dan dat wij ons zouden inbeelden daardoor de zoo lang gevoelde + leemte op voldoende wijze aan te vullen. Maar wij gelooven, dat ook in + deze zaak veel op het doel moet worden gelet.</p> + + <p>Immers met eene vertaling van een der vreemde handboeken zouden onze + roeiers al zeer weinig gebaat zijn. Er moet rekening worden gehouden met + toestanden en gewoonten, die bij ons anders zijn dan in den vreemde.</p> + + <p>Daarom hebben wij den eersten stap gedaan om, uit eigen ervaring + puttend, eene nederlandsche handleiding samen te stellen.</p> + + <p>Het is natuurlijk, dat wij ons daarbij meermalen tot <span class="pagenum" title="-"> </span><a id="p_x"></a>buitenlandsche + schrijvers hebben gewend, en daaraan vele bizonderheden ontleend.</p> + + <p>Evenmin zal men ons het recht ontzeggen om dr, waar wij eene andere + meening dan de hunne waren toegedaan, onze eigenen weg te bewandelen. + Wij hebben steeds onze opinie, waar deze van die anderen verschilt, + uitvoerig verdedigd, zoodat de lezer, na beide zijden gehoord te hebben, + zijne keuze kan vestigen.</p> + + <p>Op verschillende plaatsen, maar voornamelijk waar gehandeld wordt over + de boot en hare onderdeelen, hebben wij de engelsche, fransche en + duitsche benamingen, voorzoover wij ze konden te weten komen, gevoegd + achter de nederlandsche, daar het ons voorkwam, dat deze opgave van + eenig nut kan zijn bij de correspondentie met engelsche, fransche en + duitsche bootbouwers.</p> + + <p>Overigens hebben wij naar aanleiding van de volgende bladzijden weinig + meer te zeggen. Al roept de lezer, na de vrucht onzer overpeinzingen + te hebben doorloopen, nog niet uit: „<i xml:lang="fr">la vie sans canotage est une + absurdit</i>,“ zoo hopen wij toch door onzen arbeid iets te mogen + bijdragen tot het opwekken van de liefde voor den edelen roeisport in + ons dierbaar vaderland!</p> + +</div> + +<hr class="chend" /> + +<p><span class="pagenum" title="1"> </span><a id="p_1"></a></p> + +<div class="figcenter" style="width: 463px;"> +<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<h2><a id="I"></a>EERSTE HOOFDSTUK.</h2> + +<hr class="chbegin" /> + +<p class="subh2">GESCHIEDKUNDIG OVERZICHT.</p> + +<div><img class="cap" src="images/cap_h.png" width="78" height="120" alt="" /></div> + +<p class="drop">Het komt ons voor, dat aan het begin van eene handleiding over de +theorie van het roeien eene korte uiteenzetting van de geschiedenis +dezer schoone lichaamsbeweging niet mag gemist worden.</p> + +<p>Hierbij zouden wij echter in het duister rondtasten, zoo wij naar +bronnen gingen zoeken om daaruit het ontstaan en de geleidelijke +ontwikkeling na te gaan; slechts eene dorre, kale vlakte zou zich aan +den navorscher voordoen.</p> + +<p>Maar er zijn oasen in die woestijn.</p> + +<p>Die oasen zijn de roeiwedstrijden. Deze zijn reeds in oude tijden +zorgvuldig opgeteekend, hetzij als wetenswaardigheden in bestovene +kronieken of als zangen van bewonderende dichters. En zoo <span class="pagenum" title="2"> </span><a id="p_2"></a>kan de +geschiedschrijver, van wedstrijd tot wedstrijd gaande, de vorderingen +opmerken, die in de duistere tusschenruimten zijn gemaakt, en daaruit +zijne gevolgtrekkingen met zekerheid maken.</p> + +<p>De wedstrijden dus zijn onze bronnen. Hoe en wanneer nu zijn deze +ingesteld?</p> + +<p>Zoodra vele menschen eene kunst gaan beoefenen, zal het niet lang duren +of zij zullen gaan beproeven, wie hunner het daarin wel het verst heeft +gebracht. Eerst zal zulk een proef misschien eens bij toeval worden +genomen, doch weldra vindt de zaak bij meerderen bijval, die door de +begeerte naar eer en roem worden aangetrokken, en alras worden vaste +dagen of feesten voor die proefnemingen vastgesteld.</p> + +<p>Zoo ontstonden wedstrijden en zoo ontstonden prijsvragen.</p> + +<p>Zoolang dus de menschen reeds geroeid hebben, zoolang bestaan ook reeds +de roeiwedstrijden.</p> + +<p>Zonder eenigen grond wordt het roeien door <em class="g" xml:lang="de">Victor Silberer</em> in zijn +„<i xml:lang="de">Handbuch des Rudersport</i>“ „een kind van den nieuweren tijd“ genoemd en +gezegd, dat er geene bewijzen zijn voor de onderstelling, dat reeds bij +de oude volken wedstrijden in het roeien gehouden zijn. Immers <em class="g" xml:lang="la">Virgilius</em> +schildert in het 5<sup>de</sup> boek zijner <i xml:lang="la">Aeneis</i> een roeiwedstrijd op +meesterlijke wijze, en, wat meer zegt, reeds de grijze <em class="g" xml:lang="la">Homerus</em> +verkondigt in de <i xml:lang="la">Odyssea</i> herhaaldelijk den lof, dien de <i xml:lang="la">Phaeaces</i> met +de riemen hebben behaald!</p> + +<p><span class="pagenum" title="3"> </span><a id="p_3"></a></p> + +<p>Maar het zou ons te ver voeren, de roeikunst van die oude tijden af na +te gaan. Hen, die daarin belangstellen, verwijzen wij naar het werkje +van den franschen ingenieur <em class="g" xml:lang="fr">Aug. Jal</em>: <i xml:lang="fr">la flotte de Csar<ins class="corr" id="corr1" title="Niet in Bron.">,</ins> Paris, +Didot,</i> 1861.</p> + +<p>Dezelfde schrijver heeft zich ook door zijne „<i xml:lang="fr">Archologie navale</i>“ en +„<i xml:lang="fr">Glossaire nautique</i>“ verdienstelijk gemaakt ten opzichte van het +zeewezen in de middeleeuwen.</p> + +<p>De oudste in Engeland bekende roeiwedstrijd is de <span xml:lang="en">sculler</span>-race om +„<i xml:lang="en">Doggett's Coat and Badge</i>,“ die in 1715 door den tooneelspeler <em class="g" xml:lang="en">Mr. +Thomas Doggett</em> werd ingesteld en nog telken jare op den 1<sup>sten</sup> +Augustus wordt gehouden op de <span xml:lang="en">Thames</span> van +<span xml:lang="en">London-bridge</span> tot <span xml:lang="en">Chelsea</span>. +Slechts aan jonge „<i xml:lang="en">watermen</i>“ (schippers), die hun leertijd juist +hebben uitgediend, is het veroorloofd naar den prijs te dingen. Deze +bestaat uit eene roode jas en zilveren medaille, waaraan door de +londensche visschersvereeniging nog eene som gelds is toegevoegd. Daar +slechts zes roeiers aan den wedstrijd mogen deelnemen, wordt, zoo zich +meerdere mededingers hebben aangemeld, door voorafgaande wedstrijden +(<i xml:lang="en">trial-heats</i>, <i xml:lang="de">Versuchsrennen</i>) uitgemaakt, welke zes deze eer waardig +zijn.</p> + +<p>Vele wedstrijden, in daarop volgende jaren gehouden, zijn van minder +belang.</p> + +<p>Reeds in 1815 vinden wij onderlinge wedstrijden tusschen verschillende +colleges van <span xml:lang="en">Oxford</span> vermeld <span class="pagenum" title="4"> </span><a id="p_4"></a>in +achtriemsgieken; in <span xml:lang="en">Cambridge</span> werd +hierin voor het eerst geroeid in 1826.</p> + +<p>Van de ongeveer driehonderd wedstrijden, die jaarlijks in Engeland +gehouden worden, is die in achtriemsgieken tusschen de studenten van +<span xml:lang="en">Oxford</span> en <span xml:lang="en">Cambridge</span> zeker wel de meest bekende. In 1829 had deze kamp +voor het eerst plaats, en nu wordt reeds sedert eene reeks van jaren +jaarlijks vr de Paaschvacantie door geheel Engeland met spanning de +dag verwacht, waarop het donkerblauw van <span xml:lang="en">Oxford</span> en het lichtblauw van +<span xml:lang="en">Cambridge</span> op de 6838 M. lange baan van <span xml:lang="en">Putney</span> +naar <span xml:lang="en">Mortlake</span> op de <span xml:lang="en">Thames</span> +naar den prijs zullen dingen. Reeds 43 malen is die strijd gestreden, +waarin <span xml:lang="en">Oxford</span> een viertal overwinningen op de tegenpartij vr heeft. +Aan <span xml:lang="en">Cambridge</span> komt echter de eer toe het beste record te hebben behaald +nl. in 1873 (tevens het eerste jaar, waarin de <i xml:lang="en">sliding-seat</i> werd +gebruikt), toen de <em class="g" xml:lang="en">Cantabs</em> in 19′ 35″ de overwinning behaalden. +Vermelding verdient ook het jaar 1877, waarin de strijd onbeslist bleef, +daar beide booten tegelijkertijd de <span xml:lang="en">winning-post</span> bereikten: op eene zoo +lange baan voorwaar eene groote zeldzaamheid!</p> + +<p>Een eigenaardig feest vond den 7<sup>den</sup> April 1881 te London plaats. Men +vierde toen het vijftigste verjaarfeest der <i xml:lang="en">University-race</i>, waaraan +200 personen deelnamen van de 485, die hetzij als roeiers of als +stuurlieden van 1829 af tot op den feestdag <span class="pagenum" title="5"> </span><a id="p_5"></a>toe aan dien wedstrijd +hadden deelgenomen. Als aandenken aan dien dag hebben de H.H. <em class="g" xml:lang="en">Treherne</em> +en <em class="g" xml:lang="en">Goldie</em> een boek uitgegeven in slechts 250 exemplaren, dat door <em class="g" xml:lang="en">Mr. W. +Spottiswoode</em>, die in 1845 tot de <span xml:lang="en">Oxford</span>-ploeg behoorde, gedrukt is. Het +is van fraaie afbeeldingen voorzien en bevat eene beschrijving, niet +slechts van den feestdag, maar ook van alle <i xml:lang="en">University-races</i>, die van +1829 tot 1880 hebben plaats gehad. Tevens geeft het een onderhoudend +verhaal van de verdere loopbaan der roeiers. Uit de statistiek blijkt, +dat de sterfte onder de raceroeiers geringer is dan gewoonlijk. Derhalve +de hand aan de riemen, levenslustigen!</p> + +<p>Na de <i xml:lang="en">Varsity</i> (zooals het volk den Universiteitswedstrijd noemt), +die telken jare het roeiseizoen opent, volgt in belangrijkheid de +<i xml:lang="en">Henley-Royal-Regatta</i>, in 1839 gesticht. Dit is het grootste nationale +roeifeest in Engeland, dat meerdere dagen duurt en wedstrijden in +allerlei gieken te aanschouwen geeft. Als het gloriepunt geldt echter +steeds de „<i xml:lang="en">race for the diamond challenge sculls</i>,“ daar de winner van +de gouden, door een grooten diamant verbondene <span xml:lang="en">sculls</span> tevens als de +<i xml:lang="en">champion-sculler</i> van Europa wordt beschouwd. Verscheidene malen hebben +duitsche en fransche <span xml:lang="en">scullers</span> er aan deelgenomen, maar nog nimmer is het +hun mogen gelukken de <span xml:lang="en">sculls</span> aan de Engelschen te ontrukken.</p> + +<p>Nadat te <span xml:lang="en">Henley</span> gebleken is, wie op de korte <span class="pagenum" title="6"> </span><a id="p_6"></a>baan van 2100 M. de beste +<span xml:lang="en">sculler</span> is, kan deze eenige dagen daarna op de <span xml:lang="en">Thames</span> zijne krachten op +de lange baan beproeven, en wel op den wedstrijd „<i xml:lang="en">for the Wingfield +sculls and the amateur Championship of the Thames</i>,“ die jaarlijks op de +<span xml:lang="en">Putney–Mortlake</span> baan wordt gehouden om een paar zilveren <span xml:lang="en">sculls</span>, welke +in 1830 door <em class="g" xml:lang="en">Mr. H. C. Wingfield</em> zijn geschonken.</p> + +<p>Na aldus de drie belangrijkste wedstrijden in Engeland genoemd te +hebben, willen wij ook over andere landen het een en ander zeggen. En +dan verdient in de eerste plaats Duitschland genoemd te worden, daar in +geen ander land het roeien in de laatste jaren z in bloei is +toegenomen als dr. Het aantal roeivereenigingen wordt nog steeds +grooter, de wedstrijden jaarlijks menigvuldiger, de deelneming +voortdurend drukker.</p> + +<p>Dat verschijnsel is te verklaren, wanneer wij zien, hoe personen van het +vorstelijk huis van hunne belangstelling doen blijken door hunne +tegenwoordigheid op wedstrijden, door het uitloven van prijzen en—door +zelven aan den roeisport een werkzaam aandeel te nemen.</p> + +<p>Ook komt de eer van dien vooruitgang voor een groot gedeelte toe aan het +in 1883 opgerichte weekblad, de „<i xml:lang="de">Wassersport</i>“, door <em class="g" xml:lang="de">Carl Otto</em> te +Berlin uitgegeven. Sedert alle roeivereenigingen van het duitsche rijk +in datzelfde jaar tot den „<i xml:lang="de">Deutschen <span class="pagenum" title="7"> </span><a id="p_7"></a>Ruderverband</i>“ toetraden en +genoemd blad tot haar officiel orgaan verklaarden, heeft het steeds +zijne lezers op de hoogte gehouden van alle gewichtige feiten, die op +dat gebied voorvielen, en hoogst belangrijke beschouwingen over het +roeien in zijne kolommen te genieten gegeven. Wij raden dan ook alle +vereenigingen, die op de hoogte willen blijven van den roeisport in het +buitenland, ten zeerste aan om dit blad in het clubgebouw ter lezing te +leggen.</p> + +<p>Op overwinningen tegen buitenlanders kunnen de duitsche roeiers zich +niet zeer beroemen. Hoewel zij in <em class="g" xml:lang="de">Achilles Wild</em>, die reeds drie jaren +„<i xml:lang="de">die Meisterschaft von Deutschland</i>“ heeft veroverd en haar slechts +ns door een ongeluk aan een ander heeft moeten afstaan, een goed +<span xml:lang="en">sculler</span> bezitten, zoo is deze in Engeland nog steeds verslagen.</p> + +<p>Men moet het in de <span xml:lang="de">Frankforter R. G. „<i>Germania</i></span>“ toch op prijs stellen, +dat zij de energie hebben zich met de Engelschen te gaan meten. In 1880 +dong een achtriems van deze club te <span xml:lang="en">Henley</span> mede naar den prijs, in 1881 +en 1883 <em class="g" xml:lang="de">Wild</em> in de <span xml:lang="en">sculling</span>, +terwijl in 1884 <em class="g" xml:lang="de">Dr. W. R. Patton</em> van de <span xml:lang="de">Clner R. C.</span> +en <em class="g" xml:lang="de">J. Bungert</em> van de <span xml:lang="de">Mannheimer R. C.</span> hunne krachten aldaar +beproefden. Alles tevergeefs: de <i xml:lang="en">diamond sculls</i> zijn in Engeland +gebleven en het eenige succes, waarop de Duitschers zich beroemen +kunnen, is, dat <em class="g" xml:lang="de">Wild</em> den <span xml:lang="fr">champion</span> van Frankrijk, die ook deelnam, heeft +verslagen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="8"> </span><a id="p_8"></a></p> + +<p>En dat zegt veel: want <em class="g" xml:lang="de">Lein</em> heeft zich als <span xml:lang="en">sculler</span> een goeden naam +verworven en gedurende acht jaren den titel „<i xml:lang="fr">Champion de France</i>“ +gevoerd.</p> + +<p>In 1883 nam de <i xml:lang="fr">Club Nautique de Gand</i> aan verscheidene nummers van den +grooten wedstrijd te <span xml:lang="de">Frankfort</span> deel en behaalde bij allen den eersten +prijs.</p> + +<p>Jammer is het, dat de haat tegen de Duitschers zich bij de Franschen tot +in den sport heeft vastgeworteld: een paar voorbeelden hiervan willen +wij mededeelen.</p> + +<p>Een Berlijner had aan een bootbouwer te Parijs eenige teekeningen +besteld, welke deze in verschillende sportbladen had geadverteerd. In +plaats van de gevraagde platen ontving de Duitscher een brief met de +mededeeling, dat de schrijver als oud-kavallerist dacht deel te nemen +aan het innemen van Berlijn en dan meteen de teekeningen zou +medebrengen.</p> + +<p>Eenige jaren geleden lieten twee duitsche <span xml:lang="en">scullers</span> zich inschrijven voor +het championnaat van Frankrijk, dat internationaal is. Zij werden echter +door het komitee afgewezen op grond, dat het voor de handelingen van het +plebs van Parijs niet kon instaan bij eene mogelijke overwinning van een +Duitscher.</p> + +<p>Wij herhalen het: jammer, dat zelfs de sport onder de politiek lijden +moet!</p> + +<p>De Franschen hebben, behalve den wedstrijd om het championnaat, nog een +roeifeest, dat even als de <i xml:lang="de">university-race</i> in Engeland, duizende +toeschouwers lokt: dit is de „<i xml:lang="fr">match annuel en outrigger huit +<span class="pagenum" title="9"> </span><a id="p_9"></a>rameurs</i>“ +tusschen de <i xml:lang="en">Rowing Club</i> en de <i xml:lang="fr">Socit Nautique de la +Marne</i>.</p> + +<p>De club, die tegenwoordig in Frankrijk wel het meest van zich doet +hooren, is de <i xml:lang="fr">Cercle de l'Aviron</i> te Parijs. Jaarlijks ondernemen de +roeiers van die vereeniging tallooze tochten naar Belgi, Itali en +Zwitserland, en hunne jaarverslagen wijzen telken jare geheele lijsten +van overwinningen aan.</p> + +<p>Zoo zien wij, dat ook in Frankrijk de roeisport vooruitgaat en in eere +is. Voorwaar een verblijdend verschijnsel, als wij weten, dat aldaar +vroeger het woord „<i xml:lang="fr">canotier</i>“ een scheldnaam was, gelijkstaande met +„<i>leeglooper</i>“, „<i>deugniet</i>“ en dergelijke lieflijkheden. Dit verhaalt +ons tenminste de schrijver van het werkje, dat den tocht van drie +fransche roeiers door Nederland beschrijft, en dat ieder met genoegen +zal lezen. Het draagt tot titel „<i xml:lang="fr">En canot de Douai au Helder</i>“ en is in +1880 te Parijs uitgegeven.</p> + +<p>In Belgi ziet het er, zoo men de bladen op dat gebied aldaar moet +gelooven, in de roeiwereld tegenwoordig niet zoo rooskleurig uit. +Fransche en nederlandsche ploegen hebben zich in de laatste jaren +herhaaldelijk de meerderen in het roeien betoond op wedstrijden, waaraan +Belgen deelnamen. Maar wat erger is en noodwendig belemmerend op den +vooruitgang van den sport in dat land moet werken: er heerscht tusschen +de vereenigingen geen vriendschappelijke geest; vooral de brusselsche +roeiclubs <span class="pagenum" title="10"> </span><a id="p_10"></a>zijn voortdurend met elkaar op een gespannen voet.</p> + +<p>Gent was in de laatste jaren steeds aan het hoofd bij wedstrijden en +hare roeiers waren alom gevreesd, doch ook de <i xml:lang="fr">Club Nautique Gantois</i> +deed in 1885 weinig meer van zich hooren.</p> + +<p>Moge daar in dien toestand spoedig verbetering komen! Er zijn althans +mannen genoeg, die zich alle mogelijke moeite geven tot verheffing van +den edelen roeisport.</p> + +<p>Ene zaak is er, die, onzes inziens, zoowel in Frankrijk als in Belgi +een nadeeligen invloed zal uitoefenen. Wij bedoelen de gewoonte, dat +raceroeiers de prijzen, die zij behalen, zelven behouden, daar zij ook +zelven hunne racebooten moeten aanschaffen en voor eigen kosten de +wedstrijden mogen bezoeken. Deze instelling moet slecht werken, daar eer +en onbaatzuchtigheid dikwijls zullen moeten plaats maken voor winstbejag +en hebzucht.</p> + +<p>Alles, wat wij tot dusver hebben medegedeeld, betrof slechts amateurs d. +w. z. roeiers, die het roeien slechts uit liefhebberij beoefenen en er +geene broodwinning van maken. Dat is nu wel zeer kort gezegd, maar toch +is er heel wat papier verbruikt, vrdat men het ns was over de +definitie; tenminste in landen waar eene grens tusschen amateurs en +professionals of roeiers van beroep noodig was: want in Nederland +bestaat eene zoodanige definitie <span class="pagenum" title="11"> </span><a id="p_11"></a>niet, omdat zij tot nog toe niet +noodig is geweest. Wij laten de definities, die in Engeland, Frankrijk +en Duitschland zijn aangenomen, hier volgen.</p> + +<p class="amateur"><i xml:lang="en">Definition of an Amateur.</i></p> + +<p class="definitie" xml:lang="en">„An amateur oarsman or sculler must be an officer of Her +Majesty's army or navy or civil service, a member of the liberal +professions, or of the Universities or Public schools, or of any +established Boat- or Rowing-Club not containing mechanics or +professionals; and must not have competed in any competition for +either a stake, or money, or entrance-fee, or with or against a +professional for any prize; nor have ever taught, pursued, or +assisted in the pursuit of athletic exercises of any kind as a +means of livelihood; nor have ever been employed in or about +boats or in manual labour; nor be a mechanic, artisan, or +labourer.“ </p> + +<p class="amateur"><i xml:lang="en">Henley Definition. April 8, 1879.</i></p> + +<p class="definitie" xml:lang="en">„No person shall be considered an amateur oarsman or sculler: +First, who has ever competed in any open competition for a stake, +money, or entrance fee; secondly, who has ever competed with or +against a professional for any <span class="pagenum" title="12"> </span><a id="p_12"></a>prize; thirdly, who has ever +taught, pursued, or assisted in athletic exercises of any kind as +a means of gaining a livelihood; fourthly, who has been employed +in or about boats for money or wages; fifthly, is or has been by +trade or employment, for wages, a mechanic, artisan or labourer.“</p> + +<p class="amateur"><i xml:lang="fr">Classification des rameurs.</i></p> + +<p class="definitie" xml:lang="fr">„Ne seront admis dans les courses d'amateurs, que les rameurs +amateurs faisant partie des Socits invites.</p> + +<p class="definitie" xml:lang="fr">Ne sont pas amateurs:</p> + +<ol xml:lang="fr"> + <li>Les watermen, c'est--dire les rameurs, faisant + profession de courir.</li> + + <li>Les rameurs courant ou ayant couru gages.</li> + + <li>Les marins, mariniers, passeurs, pcheurs par tat, gardiens + de garages, ouvrier constructeurs de bateaux, enfin toutes les + personnes, tirant leur moyen d'existence d'une faon habituelle + et continuelle dans les chantiers de construction et sur les bateaux.“</li> +</ol> + +<p class="amateur"><i xml:lang="de">Deutscher Amateur-Begriff.</i></p> + +<p class="definitie" xml:lang="de">„Amateur ist Jeder, der das Rudern nur aus Liebhaberei mit +eigenen Mitteln betreibt oder <span class="pagenum" title="13"> </span><a id="p_13"></a>betrieben hat und dafr keinerlei +Vermgensvortheile in Aussicht hat oder hatte, weder als Arbeiter +seinen Lebensunterhalt lediglich durch seiner Hnde-Arbeit +verdient, noch in irgend einer Weise beim Bootbau beschftigt +ist. Wer um Geldpreise startet oder nach dem 1 Januar 1884 +gestartet hat, wird nicht als Amateur betrachtet.“</p> + +<p>Wij weten alzoo wat <i xml:lang="en">professionals</i> zijn en willen eens nagaan, welke +merkwaardige feiten in Engeland, Amerika en Australi onder hen zijn +voorgevallen. In andere landen namelijk, waar het roeien nog niet door +de lagere standen beoefend wordt, komt het professionalroeien niet voor. +Want de beroemdste professionals zijn grootendeels menschen uit de +volksklasse en worden, wanneer zij het tot zekere hoogte in de kunst +gebracht hebben, meestal door rijke bewonderaars in staat gesteld om er +zich geheel aan te wijden, zoodat men, lezende dat twee personen om +duizend pond sterling geroeid hebben, niet denken moet, dat zij hierbij +zelven deze som op het spel hebben gezet; die gelden zijn dan door de +<i>backers</i> van elke partij bijeengebracht. Zooals hier een sportsman +zijne paarden op een wedren laat loopen, zoo hebben clubs, bestaande uit +rijke Amerikanen, hunne roeiers.</p> + +<p>Hierop zijn natuurlijk uitzonderingen: ook amateurs, <span class="pagenum" title="14"> </span><a id="p_14"></a>die het ver hebben +gebracht, worden somtijds professionals, doordien zij zich met andere +beroepsroeiers hebben gemeten.</p> + +<p>In Engeland zijn jaarlijks ook voor deze klasse van roeiers bepaalde +wedstrijden, zooals de sedert 1854 bestaande <i xml:lang="en">Thames National Regatta</i> +en de in 1868 gestichte <i xml:lang="en">Thames Regatta</i>. Dan zijn er vooral in Amerika +rijke liefhebbers, die dergelijke wedstrijden laten houden: zelfs de +„<i xml:lang="en">Hop Bitters Company</i>“ heeft reeds meermalen 5000 Dollars voor dat doel +geschonken! Wel een echt amerikaansche manier om reclame te maken, +waartegen de „maandbladen tegen de kwakzalverij“ bezwaarlijk zullen +kunnen concurreeren. Op dezelfde wijze voerde genoemde <i xml:lang="en">Company</i> hare +geneesmiddelen in 1879 in Engeland in.</p> + +<p>De meeste wedstrijden tusschen professionals hebben plaats tengevolge +van eene uitdaging van een der beide partijen om eene bepaalde som.</p> + +<p>Tot 1876 had altijd een Engelschman den titel „<i xml:lang="en">Championsculler of the +World</i>“ gevoerd, doch in dat jaar werd <em class="g" xml:lang="en">J. H. Sadler</em> door den beroemden +Australir <em class="g" xml:lang="en">E. Trickett</em> verslagen, die door deze zege „<i xml:lang="en">the Championship +of the World</i>“ en 400 mede naar zijn vaderland nam.</p> + +<p>Deze <span xml:lang="en">sculler</span> werd in 1851 te <span xml:lang="en">Greenwich</span> aan de <span xml:lang="en">Paramatta</span> geboren. In 1875 +werd hij „<i xml:lang="en">Champion of Australia</i>“ en in 1876 bracht een ondernemend en +rijk hotelhouder uit Sidney hem naar Engeland <span class="pagenum" title="15"> </span><a id="p_15"></a>en deed hem daar tegen +den engelschen <span xml:lang="en">champion</span> <em class="g" xml:lang="en">Sadler</em> in 't strijdperk treden.</p> + +<p>Na het aldaar behaalde succes bevocht hij vele nieuwe lauweren, tot hij +in 1879 op de <i xml:lang="en">Sidney-Regatta</i>, waaraan hij ziek deelnam, door een ander +bekend Australir <em class="g" xml:lang="en">Laycock</em> geslagen werd.</p> + +<p>Na zijne herstelling bewees hij dezen echter duidelijk zijne +meerderheid.</p> + +<p>Toch zou hij den trotschen titel niet lang meer behouden.</p> + +<p>Doch niet meer uit Engeland dreigde voor hem het gevaar: een Amerikaan +zou het zijn, die de eer van „den besten roeier der wereld te bezitten“ +van Australi op Canada moest overbrengen.</p> + +<p>Deze man was <em class="g" xml:lang="en">Edward Hanlan</em>.</p> + +<p>Hij werd den 12<sup>den</sup> Juli 1855 te Toronto geboren en behaalde in 1873 +zijne eerste overwinning op een match om het „<i xml:lang="en">Amateur Championship in +the Toronto Bay</i>.“ Hij werd daarop professional. In 1877 daagde <em class="g" xml:lang="en">Wallace +Ross</em>, de gevierde <span xml:lang="en">sculler</span> der <span xml:lang="en">United States</span>, alle roeiers van Canada uit +om een match van 5 mijlen met hem te roeien om 1000 dollars. <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> nam +dit aan en won gemakkelijk.</p> + +<p>Deze zege, die hem tot „<i xml:lang="en">Champion of Canada</i>,“ maakte, deed opeens aller +oogen op hem vestigen, zoodat zich te Toronto een <i xml:lang="en">Hanlan-Club</i> vormde, +die zijne verdere leiding op zich nam. Nu had <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> voor niets meer te +zorgen. De Club sloot <span class="pagenum" title="16"> </span><a id="p_16"></a>alle overeenkomsten voor hem, zorgde op de +mildste wijze voor zijne behoeften, betaalde zijne reis- en +verblijfkosten, gaf hem de beste trainers, kortom, beschouwde hem als +haar dierbaarst kleinood.</p> + +<p>In 1878 sloeg hij den New-Yorker <span xml:lang="en">sculler</span> <em class="g" xml:lang="en">Plaisted</em> om 2000 Doll., dan +<em class="g" xml:lang="en">Evan Morris</em> om 1000 Doll. en het <i xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr2" title="Bron: Chapionship">Championship</ins></i> van +geheel Amerika, daarop nogmaals <em class="g" xml:lang="en">Wallace Ross</em> en eindelijk <em class="g" xml:lang="en">Courtney</em>.</p> + +<p>In 1879 ging hij naar Engeland om tegen den engelschen <span xml:lang="en">champion</span> <em class="g" xml:lang="en">W. +Elliott</em> te roeien.</p> + +<p>Daar het er de <i xml:lang="en">Hanlan-Club</i> om te doen was zooveel mogelijk geld uit de +zaak te slaan, sloten zij vooraf eene overeenkomst, volgens welke <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> +eerst met <em class="g" xml:lang="en">Hawdon</em>, een engelsch <span xml:lang="en">sculler</span> van den tweeden rang, zou roeien, +terwijl de overwinnaar in dezen match zich met <em class="g" xml:lang="en">Elliott</em> zou meten. De +list gelukte volkomen: de Engelschen, die <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> niet kenden, wedden los +en vast op hun <span xml:lang="en">champion</span>, en de heeren van de <i xml:lang="en">Hanlan-Club</i>, die allen +waren overgekomen, namen alle weddenschappen aan.</p> + +<p>Toen <em class="g" xml:lang="en">Hawdon</em> met gemak was verslagen, vermoedden de Engelschen nog niets, +daar <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> hierbij zich niet had behoeven in te spannen, zoodat zij +voortgingen met op <em class="g" xml:lang="en">Elliott</em> te wedden. Maar daar versloeg hij op den +16<sup>den</sup> Juni zonder de minste moeite ook <em class="g" xml:lang="en">Elliott</em>, waardoor hij den +„<i xml:lang="en">Sportsman Challenge Cup</i>“ en 400 veroverde, benevens het +<span class="pagenum" title="17"> </span><a id="p_17"></a>„<i xml:lang="en">Championship of England</i>“, en met stroomen vloeide het +<ins class="corr" id="corr3" title="Bron: engelschegoud">engelsche goud</ins> in de zakken der Amerikanen.</p> + +<p>Bij zijne terugkomst te Toronto werd hij feestelijk ingehaald door eene +deputatie met den burgemeester aan het hoofd, en de burgers schonken hem +een huis van 20,000 Doll.</p> + +<p>In 1880 veroverde hij door zijne overwinning op <em class="g" xml:lang="en">Trickett</em> het +„<i xml:lang="en">Championship of the World</i>.“ Deze match had plaats op de <span xml:lang="en">Thames</span> en +staat in de annalen van het roeien als een der gewichtigste feiten +opgeteekend. Uit drie werelddeelen stroomden belangstellenden te samen +om den strijd te aanschouwen, en het moet voor de Engelschen een +beschamend gezicht zijn geweest op hunne oude <span xml:lang="en">Thames</span> een Amerikaan en +Australir om den titel te zien strijden, dien vroeger een der hunnen +bezat.</p> + +<p>Doch na 1876 hadden de Engelschen, wat het professionalroeien betreft, +zich nooit meer kunnen opheffen.</p> + +<p>In 1881 sloeg hij <em class="g" xml:lang="en">Laycock</em>, die intusschen <em class="g" xml:lang="en">Trickett</em> overwonnen had en het +daarom ook tegen <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> meende te kunnen opnemen, met het meeste gemak +en wederom op de <span xml:lang="en">Thames</span>.</p> + +<p>In 1882 stak hij nogmaals naar Engeland over en versloeg er den +engelschen <span xml:lang="en">Champion</span> <em class="g" xml:lang="en">Boyd</em> en <em class="g" xml:lang="en">Trickett</em> nogmaals.</p> + +<p>In 1883 won hij het in Amerika tegen <em class="g" xml:lang="en">Kennedy</em>, <em class="g" xml:lang="en">W. Ross</em> en vele anderen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="18"> </span><a id="p_18"></a></p> + +<p>In Mei 1884 versloeg hij nogmaals <em class="g" xml:lang="en">Laycock</em>.</p> + +<p>Doch ditzelfde jaar zou noodlottig voor hem worden en zijne gelukszon +zien ondergaan.</p> + +<p>Het bericht in de „<i xml:lang="de">Wassersport</i>“ over zijne nederlaag begon met de +woorden:</p> + +<div class="poem" xml:lang="de"> +<div class="stanza"> + <div class="i0">„Es fiel ein Stern herunter<br /></div> + <div class="i0">Aus seiner funkelnden Hh'“<br /></div> +</div> +</div> + +<p>En zoo was het. <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> had eindelijk zijn meester gevonden.</p> + +<p>Het was <em class="g" xml:lang="en">William Beach</em>, die hem op de <span xml:lang="en">Paramatta</span> bij Sidney versloeg om +500 en het <i xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr4" title="Bron: Campionship">Championship</ins> of the World</i> op den 16<sup>den</sup> Aug. 1884. +Wel is waar bevocht hij den 7<sup>den</sup> Febr. 1885 terzelfde plaatse weer de +overwinning tegen den Australir <em class="g" xml:lang="en">Clifford</em> om 1000 en gaf daardoor +zijne landgenooten hoop, dat hij ook tegen <em class="g" xml:lang="en">Beach</em> bij een tweeden match +zou kunnen stand houden, doch deze verwachting werd niet vervuld. Den +28<sup>sten</sup> Maart 1885 werd hij wederom door <em class="g" xml:lang="en">Beach</em> geslagen, die thans den +<i xml:lang="en">Championtitel</i> voert.</p> + +<p><em class="g" xml:lang="en">Beach</em> is den 6<sup>den</sup> Sept. 1852 geboren en woont te <span xml:lang="en">Dapto, Illawara</span>. Van +beroep is hij smid en gelukkige vader van zes kinderen. Zijn +lichaamskracht moet buitengewoon zijn. Vr zijn match met <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> had +hij de beroemdste <span xml:lang="en">scullers</span> van Australi verslagen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="19"> </span><a id="p_19"></a></p> + +<p>Den 24<sup>sten</sup> Oct. 1885 leed <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> zijne derde nederlaag op de <span xml:lang="en">Hudson</span>. +Thans was het <em class="g" xml:lang="en">John Teemer</em>, een nog jong en veelbelovend amerikaansch +<span xml:lang="en">sculler</span>, die hem overwon.</p> + +<p>Daar <em class="g" xml:lang="en">Beach</em> niet veel van reizen en trekken schijnt te houden, zullen +<em class="g" xml:lang="en">Teemer</em> en <em class="g" xml:lang="en">Ross</em> wel de helden van het naderend seizoen zijn. Met de +Engelschen behoeven zij althans geen rekening te houden, daar <em class="g" xml:lang="en">Ross</em> nog +den 10<sup>den</sup> Maart 1884 den besten engelschen roeier <em class="g" xml:lang="en">Bubear</em> uit <span xml:lang="en">Putney</span> +versloeg, dien hij zelfs 10 sekonden had vrgegeven.</p> + +<hr /> + +<p>Werpen wij thans een blik op ons land.</p> + +<p>Op pag. 17 van zijn <i xml:lang="de">Handbuch des Rudersport</i> houdt <em class="g" xml:lang="de">V. Silberer</em> eene +lange lofrede op de „<i xml:lang="de">Allgemeine Sport-Zeitung</i>,“ die sedert 1880 te +Weenen het licht ziet, en—waarvan hij zelf uitgever is. Om nu nog niet +eens te spreken van het andere fraais, dat hij er van verhaalt, wil ik +op n volzin wijzen. Van het (dus: zijn) blad sprekend zegt hij: +„<i xml:lang="de">welche heute das erklrte Central-Organ des gesammten Rudersportwesens +in Deutschland, Oesterreich, Holland, Russland und der Schweiz bildet</i>“.</p> + +<p>Wij zijn met den roeisport in twee van deze vijf rijken bekend, en in +Duitschland is het <i xml:lang="de">Central-Organ des gesammten Rudersportwesens</i> niet +de <i xml:lang="de">A. Sportzeitung</i>, maar de <i xml:lang="de">Wassersport</i>; terwijl Nederland zijn +<i>Nederlandsche Sport</i> heeft. Op de drie overblijvende landen zal dus ook +wel iets af te dingen zijn.</p> + +<p><span class="pagenum" title="20"> </span><a id="p_20"></a></p> + +<p>Het eerste nummer der „<i>Nederlandsche Sport</i>“ zag den 11<sup>den</sup> Maart +1882 het licht. Hoewel het aan alle takken van sport is gewijd en +stukken over paardrijden en honden de meeste ruimte gewoonlijk in beslag +nemen, zoo staan hare kolommen toch ook voor de roeiers steeds open; +mochten dezen toch wat meer van deze gastvrijheid gebruik maken!</p> + +<p>In de eerste nummers gaf de „<i>Sport</i>“ eenige mededeelingen over het +ontstaan der oudste roeivereenigingen in Nederland. Wij ontleenen +daaraan de volgende bizonderheden.</p> + +<p>In 1846 werd te Rotterdam onder voorzitterschap van <em class="g">Prins Hendrik der +Nederlanden</em> „<i>de Koninklijke Nederlandsche <span xml:lang="de">Yacht-Club</span></i>“ opgericht, +waarvan ook vele Amsterdammers lid werden. Spoedig ontstond er tusschen +de Rotterdammers, die <em class="g">Prins Hendrik</em> aan hun hoofd hadden, en de +Amsterdammers geschil, waarop deze laatsten hun ontslag namen. Deze +vereeniging bestaat thans niet meer.</p> + +<p>In 1847 werd daarop te Amsterdam „<i>de Koninklijke Nederlandsche Zeil- en +Roeivereeniging</i>“ opgericht, waarvan in het volgend jaar <em class="g">Koning Willem +II</em> het beschermheerschap aanvaardde. Reeds op 30 Sept. 1848 hield deze +vereeniging haar eersten wedstrijd op het IJ.</p> + +<p>In 1848 werd de R. en Z. V. „<i>de Hoop</i>“ te Amsterdam gesticht, wier +leden in datzelfde jaar den prijs, bestaande uit een door <em class="g">Prins Hendrik</em> +geschonken <span class="pagenum" title="21"> </span><a id="p_21"></a>beker, wonnen tegen twee rotterdamsche ploegen. Deze +wedstrijd werd den 12<ins class="corr" id="corr5" title="Subscript in Bron."><sup>den</sup></ins> Aug. 1848 te Rotterdam gehouden +en is de eerste giekenwedstrijd in ons land geweest.</p> + +<p>In 1851 werd daarop te Rotterdam de Z. en R. V. „<i>de Maas</i>“ opgericht.</p> + +<p>Het IJ, de Maas en de Amstel waren nu weldra getuigen van vele +wedstrijden tusschen deze beide vereenigingen, wier ploegen binnen +korten tijd ook in Belgi (vooral te Antwerpen en Namen) en in Frankrijk +tallooze overwinningen behaalden.</p> + +<p>Toch duurde het lang, voordat nieuwe clubs naast de bestaande verrezen. +Eerst het jaar 1874 gaf aan verscheidene nieuwe vereenigingen tegelijk +het leven; en na dat jaar werd het getal grooter en grooter en neemt nog +jaarlijks toe. Zonderling is het echter dat zij steeds zijn beperkt +gebleven tot het midden van ons land; in het noorden en zuiden wordt het +roeien weinig of niet beoefend.</p> + +<p>Vooral op de laatste jaren kunnen de nederlandsche roeiers met trots +terugzien: 1883, 1884 en 1885 zagen daar, waar Nederlanders en vreemden +tegen elkaar kampten, steeds de eersten de zege behalen; jammer alleen, +dat wij, door ons verzet tegen den <span xml:lang="en">outrigger</span>, van de engelsche races +kunnen wegblijven.</p> + +<p>Ook het inwendige, de verhouding onderling is bij ons beter dan in den +vreemde.</p> + +<p>De <i>Nederlandsche</i> Sport bevat geene hatelijke <span class="pagenum" title="22"> </span><a id="p_22"></a>stukken, die door +afgunst zijn in de pen gegeven, geene kleingeestige haarklooverijen, +waardoor verslagene roeiers hunne nederlaag tot eene overwinning +trachten te maken, geene berichten van vijandelijkheden in dezelfde +club.</p> + +<p>Onze amateurs zijn ook als roeiers <span xml:lang="en">gentlemen</span>.</p> + +<p>De <i>Koninkl. Ned. Zeil- en Roeivereeniging</i> wordt dikwijls en terecht de +moeder der nederlandsche roeivereenigingen genoemd. Want niet alleen is +zij de oudste en worden hare jaarlijksche wedstrijden als de +belangrijkste van het seizoen beschouwd, ook in een ander opzicht +betoont zij zich eene zorgzame moeder voor hare kinderen.</p> + +<p>Toen in 1885 eene zaak van algemeen belang voor de nederlandsche +roeivereenigingen het gemis aan een gemeenschappelijken band deed +gevoelen, riep zij afgevaardigden van alle clubs tot eene vergadering te +Amsterdam samen; en de zaak werd na onderlinge overweging tot een goed +einde gebracht. Het gold toen de stuurmanskwestie, waarop wij <a href="#stuurmanskwestie">nader</a> +zullen terugkomen.</p> + +<p>Deze vergadering had het nut van dergelijke bijeenkomsten z duidelijk +doen uitkomen, dat zij nu jaarlijks plaats vindt. Ook op die van 1886 +werd een belangrijk voorstel aangenomen: de instelling van een +nederlandsch kampioenschap in <span xml:lang="en">single-sculling outrigged</span>.</p> + +<p>Nadat dit in principe was besloten, verklaarden <span class="pagenum" title="23"> </span><a id="p_23"></a>zich een twintigtal +heeren bereid om dien wedstrijd, zoowel de leiding als de kosten, geheel +op zich te nemen, en er een schoonen prijs voor uit te loven, die drie +achtereenvolgende jaren moet gewonnen worden alvorens het eigendom te +worden van den overwinnaar.</p> + +<p>Zij verbonden er echter de voorwaarde aan, dat de wedstrijd steeds bij +Amsterdam zou plaats vinden en internationaal moest zijn.</p> + +<p>Tegen het eerste bestond natuurlijk geen bezwaar. De vergadering +verzocht echter om den wedstrijd althans de eerste keeren slechts voor +nederlandsche <span xml:lang="en">scullers</span> open te stellen.</p> + +<p>Volgens onze meening ware het beter een wedstrijd om het kampioenschap +van Nederland ook alleen voor Nederlanders te houden. Het doel van eene +dergelijke race is immers: te zien wie van de nederlandsche <span xml:lang="en">scullers</span> de +beste is.</p> + +<p>Het is daarom onze hoop, dat de milde gevers hiertoe nog mogen +besluiten.</p> + +<hr /> + +<p>Ook ons land heeft sedert eenige jaren zijne universiteitswedstrijden.</p> + +<p>In Leiden was in 1874 de Studenten-Roeivereeniging „<i xml:lang="no">Njord</i>“ opgericht, +en in 1876 zag te Delft de Studenten-Roeivereeniging „<i xml:lang="no">Laga</i>“ het licht.</p> + +<p>In 1878 vond, op eene uitdaging van Leiden, aldaar de eerste wedstrijd +tusschen beide clubs in <span class="pagenum" title="24"> </span><a id="p_24"></a>vierriemsgieken (vaste banken) plaats, die met +de overwinning van Delft eindigde.</p> + +<p>In 1880 gaf <i xml:lang="no">Njord</i> een internationalen wedstrijd en verbond hieraan +wederom eene race voor Studenten-Roeivereenigingen, waarin Delft +nogmaals met 10 sekonden de zege behaalde.</p> + +<p>Bij dezen wedstrijd roeide Delft op <span xml:lang="en">sliding-seats</span>, terwijl Leiden ook +eene boot met <span xml:lang="en">sliding-seats</span> had, doch de <span xml:lang="en">slidings</span> had vastgezet, wijl de +ploeg aan vaste banken de voorkeur gaf.</p> + +<p>In 1881 had de wedstrijd te Delft plaats; beide partijen roeiden op +sliding-seats, Delft in eene boot van <em class="g" xml:lang="fr">Dossunet</em>, Leiden in eene van +<em class="g" xml:lang="en">Clasper</em>. Voor de derde maal was Delft de eerste met een voorsprong van +12 seconden.</p> + +<p>In 1882 dong ook de inmiddels opgerichte Studenten-Roeivereeniging +„<i>Triton</i>“ uit Utrecht mede. De wedstrijd had plaats te Leiden en de +uitslag was, dat Leiden de overwinning behaalde. Delft kwam 35 seconden +later als tweede aan en Utrecht bleef 18 sekonden achter Delft.</p> + +<p>In 1883 werd door de drie vereenigingen de „<i>Nederlandsche +Studentenroeibond</i>“ opgericht. Het bestuur hiervan bestaat uit zes leden +(van elke vereeniging twee), dat jaarlijks op een onzijdig terrein een +wedstrijd doet houden. Er wordt geroeid in vierriemsgieken, bemand door +de beste roeiers van elke vereeniging. Zoo vond in datzelfde jaar nog +<span class="pagenum" title="25"> </span><a id="p_25"></a>de eerste race van den bond te Oudshoorn plaats op een baan van 3400 M. +met een omvaartsboei op de helft der baan.</p> + +<p>Bij de boei was Leiden eenige lengten vr Utrecht, Utrecht evenveel +vr Delft, toen er tusschen beide laatsten aanvaring plaats vond, +zoodat Leiden alln aan de winboei kwam, en den prijs verkreeg. Deze +bestaat uit het eerediploma en vijf gouden medailles, waaraan door <em class="g">Mr. +J. Cohen Stuart</em>, eerelid van <i xml:lang="no">Njord</i>, jaarlijks een kunstvoorwerp ter +waarde van 100 gulden onder den naam „<i>Oprichtersprijs</i>“ wordt +toegevoegd.</p> + +<p>In 1884 had de wedstrijd wederom te Oudshoorn plaats. Het bestuur had nu +besloten om er ook races voor seniores in tweeriems- en voor juniores +in vierriems en tweeriems aan toe te voegen om der wille van het +publiek. Het nummer „<i>Oude vier</i>“ bleef echter het hoofdnummer, <i>de +<span xml:lang="en">universityrace</span></i>. De prijs werd wederom door Leiden behaald, dat 4 +sekonden vr Utrecht en 36 sekonden vr Delft den <span xml:lang="en">winning-post</span> +bereikte.</p> + +<p>De baan was even lang als het vorige jaar, maar thans zonder draaiboei.</p> + +<p>In 1885 werd de strijd op het Noorder-Spaarne bij Haarlem gestreden. Het +hoofdnummer werd weder op eene rechte baan, die van Spaarndam naar de +stad liep, geroeid en zag Leiden als overwinnaar uit den strijd komen. +Leiden legde de baan 18 sekonden <span class="pagenum" title="26"> </span><a id="p_26"></a>sneller af dan Utrecht en 30 sekonden +sneller dan Delft.</p> + +<p>Gedurende de vier laatste jaren bezigden alle drie clubs gieken van +<em class="g" xml:lang="fr">Dossunet</em>.</p> + +<p>Ook in 1886 is besloten den wedstrijd ter zelfder plaatse te houden, die +daarvoor dan ook alle voordeelen aanbiedt.</p> + +<p>Hoewel de drie clubs natuurlijk ook op andere wedstrijden meermalen +hunne krachten hebben gemeten, zullen wij dezen, evenmin als de +bijnummers op de universiteitswedstrijden, hier opsommen, daar het +ons slechts te doen is om in 't kort na te gaan de resultaten van de +nederlandsche „<i xml:lang="en">Varsity</i>.“</p> + +<p>Moge zij weldra evenveel belangstelling in Nederland ondervinden als de +Oxford-Cambridge race in Engeland geniet; en het lichtblauw van Leiden, +het rood van Delft, het donkerblauw van Utrecht op het jaarlijksche +roeifeest de borst sieren van duizenden en duizenden van belangstellende +toeschouwers! Dat zij zoo!</p> + +<div class="figcenter" style="width: 71px;"> +<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="27"> </span><a id="p_27"></a></p> + +<h3 class="h3uitslag"><span class="uvw">UITSLAG VAN WEDSTRIJDEN,</span><br /> +die in het eerste hoofdstuk zijn besproken.</h3> + +<div class="figcenter" style="width: 117px;"> +<img src="images/deco4.png" width="117" height="3" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race" xml:lang="en">Oxford and Cambridge Eight-Oared Race.</span><br /> + De baan was in 1829 te <span xml:lang="en">Henley</span>, in 1836 tot en met 1842 van + <span xml:lang="en">Westminster</span> naar <span xml:lang="en">Putney</span>, + daarna van <span xml:lang="en">Putney</span> naar <span xml:lang="en">Mortlake</span>. + </caption> +<thead> + <tr> + <th>Jaar.</th> + <th>Overwinnaar.</th> + <th>Tijd.</th> + <th>Gewonnen met</th> + </tr> +</thead> +<tbody> + <tr> + <td class="tdl">1829</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">14′ 30″</td> + <td class="tdc">gemakkelijk.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1836</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">36′</td> + <td class="tdc">1′</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1839</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">31′</td> + <td class="tdc">1′ 45″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1840</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">26′ 30″</td> + <td class="tdc">⅔ L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1841</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">32′ 30″</td> + <td class="tdc">1′ 4″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1842</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">30′ 45″</td> + <td class="tdc">13″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1845</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">23′ 30″</td> + <td class="tdc">30″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1846<a id="FNa_1" href="#FN_1" class="fnanchor"><sup>1</sup>)</a></td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">21′ 5″</td> + <td class="tdc">2 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1848</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">22′</td> + <td class="tdc">3 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1849</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">—</td> + <td class="tdc">aanvaring.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1852</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">21′ 36″</td> + <td class="tdc">27″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1854</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">25′ 29″</td> + <td class="tdc">11″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1856</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">25′ 50″</td> + <td class="tdc"> L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl"><span class="pagenum" title="28"> </span><a id="p_28"></a>1857</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">22′ 50″</td> + <td class="tdc">35″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1858</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">21′ 23″</td> + <td class="tdc">22″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1859</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">24′ 30″</td> + <td class="tdc">C. gezonken.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1860</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">26′</td> + <td class="tdc">1 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1861</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">23′ 27″</td> + <td class="tdc">48″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1862</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">24′ 40″</td> + <td class="tdc">30″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1863</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">23′ 5″</td> + <td class="tdc">42″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1864</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">21′ 48″</td> + <td class="tdc">23″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1865</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">21′ 23″</td> + <td class="tdc">13″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1866</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">25′ 48″</td> + <td class="tdc">15″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1867</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">22′ 40″</td> + <td class="tdc"> L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1868</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">21′</td> + <td class="tdc">6 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1869</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">20′ 20″</td> + <td class="tdc">5 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1870</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">22′ 33″</td> + <td class="tdc">1 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1871</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">23′ 5″</td> + <td class="tdc">1 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1872</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">21′ 16″</td> + <td class="tdc">2 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1873<a id="FNa_2" href="#FN_2" class="fnanchor"><sup>2</sup>)</a></td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">19′ 35″</td> + <td class="tdc">3 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1874</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">22′ 39″</td> + <td class="tdc">3 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1875</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">22′ 2″</td> + <td class="tdc">10 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1876</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">20′ 20″</td> + <td class="tdc">8 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1877</td> + <td class="tdl">dead heat</td> + <td class="tdl">24′ 8″</td> + <td class="tdc"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1878</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">22′ 15″</td> + <td class="tdc">10 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1879</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">21′ 18″</td> + <td class="tdc">4 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1880</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">21′ 23″</td> + <td class="tdc">4 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1881</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">21′ 51″</td> + <td class="tdc">3 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1882</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">20′ 12″</td> + <td class="tdc"> L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl"><span class="pagenum" title="29"> </span><a id="p_29"></a>1883</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">gemakkelijk</td> + <td class="tdc">3 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">21′ 39″</td> + <td class="tdc">3 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Oxford</td> + <td class="tdl">21′ 36″</td> + <td class="tdc">3 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1886</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Cambridge</td> + <td class="tdl">22′ 39″</td> + <td class="tdc"> L.</td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race" xml:lang="en">Henley-on-Thames Royal Regatta</span><br /> + <i xml:lang="en">Diamond Challenge Sculls, for Scullers.</i> + </caption> +<thead> + <tr> + <th>Jaar.</th> + <th xml:lang="en">Winner.</th> + <th>Tijd.</th> + </tr> +</thead> +<tbody> + <tr> + <td class="tdl">1844</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Bumpsted, Seullers's Club, London</td> + <td class="tdr">10′ 32″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1845</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Wallace, Leander</td> + <td class="tdr">10′ 30″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1846</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Moon, Magdalen Coll., Oxford<ins class="corr" id="corr6" title="Niet in Bron.">.</ins></td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1847</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Maule, First Trinity, Cambridge</td> + <td class="tdr">10′ 45″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1848</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Bagshawe, Third Trin. Cambridge.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1849</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">T. R. Bone, London.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1850</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">T. R. Bone, Meteor C., London.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1851</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. G. Peacock, Thames C., London.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1852</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Macnaghten, First Trin., Cambridge.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1853</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Rippingall, Peterhouse, Cambridge</td> + <td class="tdr">10′ 2″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1854</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. H. Playford, Wandle C., London.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1855</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, Argonauts C., London.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1856</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, Argonauts C., London</td> + <td class="tdr">9′ 27″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1857</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, London R. C.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1858</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, London R. C.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1859</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. D. Brickwood, Richmond</td> + <td class="tdr">10′</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1860</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. H. Playford, London R. C.</td> + <td class="tdr">12′ 8″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1861</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor, London R. C.</td> + <td class="tdr">10′ 4″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1862</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. D. Brickwood, Richmond</td> + <td class="tdr">10′ 40″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl"><span class="pagenum" title="30"> </span><a id="p_30"></a>1863</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">C. B. Lawes, Third Trin., Cambridge</td> + <td class="tdr">9′ 43″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1864</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. B. Woodgate, Brasenose Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">10′ 3″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1865</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">9′ 11″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1866</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. B. Michell, Magdalen Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">9′ 55″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1867</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">10′ 2″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1868</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. Stout, London R. C.</td> + <td class="tdr">9′ 6″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1869</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. C. Crofts, Brasenose Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">9′ 56″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1870</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. B. Close, First Trinity, Cambridge</td> + <td class="tdr">9′ 43″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1871</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. Fawcus, Tynemouth R. C.</td> + <td class="tdr">10′ 9″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1872</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">C. C. Knollys, Magdalen Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">10′ 48″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1873</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge</td> + <td class="tdr">9′ 45″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1874</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. C. Dicker, St. John's Coll., Cambridge</td> + <td class="tdr">10′ 50″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1875</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. C. Dicker, Lady Margaret Club</td> + <td class="tdr">9′ 15″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1876</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">F. L. Playford, London R. C.</td> + <td class="tdr">9′ 28″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1877</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">10′ 20″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1878</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">T. C. Edwards-Moss, Brasenose Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">9′ 37″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1879</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">12′ 13″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1880</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">9′ 10″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1881</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Hertford Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">9′ 28″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1882</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Jesus Coll., Cambridge</td> + <td class="tdr">11′ 43″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1883</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes, Kingston R. C.</td> + <td class="tdr">10′ 2″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. S. Unwin, Magdalen Coll., Oxford</td> + <td class="tdr">9′ 40″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. S. Unwin.</td> + <td class="tdr"></td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<p><span class="pagenum" title="31"> </span><a id="p_31"></a></p> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race" xml:lang="en">Wingfield Sculls</span><br /> + <i xml:lang="en">and the Championship of the Thames.</i><br /><br /> +Baan van 1830–1849 <span xml:lang="en">Westminster–Putney</span>,<br /> +1849–1861 <span xml:lang="en">Putney–Kew</span>,<br /> +1861 <span xml:lang="en">Putney–<ins class="corr" id="corr7" title="Bron: Morlake">Mortlake</ins></span>.<br /> + </caption> + +<tbody> + <tr> + <td class="tdl">1830</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. H. Bayford.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr><td class="tdl">1831</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">C. Lewis.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1832</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Julius.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1833</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">C. Lewis.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1834 en 35</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Julius.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1836</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. Wood.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1837</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">P. Colquhoun.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1838</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. Wood.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1839</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. Chapman.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1840 en 41</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">T. L. Jenkins.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1842 en 43</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. Chapman.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1844</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">T. B. Bumpsted.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1845</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. Chapman.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1846</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">C. Russell.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1847 en 48</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. R. L. Walmisley.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1849</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">F. Playford.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1850 en 51</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">T. R. Bone.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1852</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. G. Peacock.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1853</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Paine.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1854</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. H. Playford.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1855–60</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. A. Casamajor.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1861</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. D. Brikwood</td> + <td class="tdl">29′</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1862</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. B. Woodgate</td> + <td class="tdl">27′</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1863</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. E. Parker</td> + <td class="tdl">25′</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1864</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. B. Woodgate</td> + <td class="tdl">25′ 35″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1865</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. B. Lawes</td> + <td class="tdl">27′ 4″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1866</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. B. Michell</td> + <td class="tdl">27′ 26″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1867</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. B. Woodgate.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1868</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. Stout</td> + <td class="tdl">26′ 52″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1869 en 70</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. de L. Long.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1871</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. Fawcus</td> + <td class="tdl">26′ 13″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1872</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">C. C. Knollys</td> + <td class="tdl">28′ 30″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1873 en 74</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. C. Dicker</td> + <td class="tdl">24′ 40″ en 25′ 45″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1875–79</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">F. L. Playford</td> + <td class="tdl">24′ 41″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1880</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. Payne</td> + <td class="tdl">24′ 2″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1881</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes</td> + <td class="tdl">25′ 13″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1882</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">A. Payne</td> + <td class="tdl">27′ 40″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1883</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Lowndes.</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884 en 85</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. S. Unwin</td> + <td class="tdl">24′ 12″</td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<p><span class="pagenum" title="32"> </span><a id="p_32"></a></p> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race" xml:lang="fr">Championnat de France.</span> + </caption> +<tbody> + <tr> + <td class="tdl">1853 tot 1856</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Frdric Lowe.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1857 tot 1861</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Louis Armet.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1862</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Edmond Gamby.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1863</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Louis Huot.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1864–1867</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Eug. Frbault.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1868, 69, 71 tot 75</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Rg. Gesling.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1876 tot 1883</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Alex. Lein.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">A. d'Hautefeuille.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Louis Bidauld.</td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race" xml:lang="fr">Match annuel</span><br /> + <i xml:lang="fr">entre le Rowing-Club et la Socit Nautique de la Marne</i>. + </caption> +<thead> + <tr><th></th><th></th><th>gewonnen met</th> + </tr> +</thead> +<tbody> + <tr> + <td class="tdl">1880</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Rowing Club</td> + <td class="tdl">41″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1881</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Rowing Club</td> + <td class="tdl">45″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1882</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">S. N. de la Marne</td> + <td class="tdl">37″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1883</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">S. N. de la Marne</td> + <td class="tdl">20″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">Rowing Club</td> + <td class="tdl">44″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885</td> + <td class="tdl" xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr8" title="Bron: RowingClub">Rowing Club</ins></td> + <td class="tdl">5 L.</td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race" xml:lang="de">Meisterschaft von Deutschland.</span> + </caption> +<tbody> + <tr> + <td class="tdl">1882</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">Achilles Wild,</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">Frankfurter R. G. „Germania“</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1883</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">J. Bungert,</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">Mannheimer R. C.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">Achilles Wild,</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">Frankfurter R. G. „Germania“</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">Achilles Wild,</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">Frankfurter R. G. „Germania“</td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race" xml:lang="fr">Championnat de Belgique.</span> + </caption> +<tbody> + <tr> + <td class="tdl">1874</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr"> Alfr. Vidrequin,</td> + <td class="tdc" xml:lang="fr">Bruxelles.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1875</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Aug. Bartholom,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1876</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Hector Donies,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1877</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Hector Donies,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1878</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Hector Donies,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1879</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Hector Donies,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1880</td> + <td class="tdl">Josef Polak,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1881</td> + <td class="tdl" xml:lang="de">H. Werlemann,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1882</td> + <td class="tdl">Joseph Polak,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1883</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">M. Chaudoir,</td> + <td class="tdc" xml:lang="fr">Lige.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">Trasenster,</td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885</td> + <td class="tdl" xml:lang="fr">M. Chaudoir<ins class="corr" id="corr9" title="Niet in Bron.">,</ins></td> + <td class="tdc">„</td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<p><span class="pagenum" title="33"> </span><a id="p_33"></a></p> + +<p class="center noi">NEDERLAND.</p> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race">Universiteitswedstrijd.</span></caption> +<thead> + <tr> + <th>Jaar.</th> + <th>Overwinnaar.</th> + <th>Plaats.</th> + <th>Gewonnen met:</th> + </tr> +</thead> +<tbody> + <tr> + <td class="tdl">1878</td> + <td class="tdl">Delft,</td> + <td class="tdl">op den Rijn bij Leiden</td> + <td class="tdl">gew. m. ?</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1880</td> + <td class="tdl">Delft,</td> + <td class="tdl">op den Rijn bij Leiden</td> + <td class="tdl"> „ „ 10″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1881</td> + <td class="tdl">Delft,</td> + <td class="tdl">op de Schie bij Delft</td> + <td class="tdl"> „ „ 12″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdltop">1882</td> + <td class="tdltop">Leiden,</td> + <td class="tdltop">op den Rijn bij Leiden</td> + <td class="tdl"> „ „ 35″ vr Delft,<br /> 53″ vr Utrecht.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdltop">1883</td> + <td class="tdltop">Leiden,</td> + <td class="tdltop">Oudshoorn,</td> + <td class="tdl">aanvaring van Delft en Utrecht.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdltop">1884</td> + <td class="tdltop">Leiden,</td> + <td class="tdltop">Oudshoorn</td> + <td class="tdl">gew. m. 4″ vr Utrecht,<br /> 36″ vr Delft.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdltop">1885</td> + <td class="tdltop">Leiden,</td> + <td class="tdltop">Haarlem</td> + <td class="tdl"> „ „ 18″ vr Utrecht,<br /> 30″ vr Delft.</td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<table class="wedstrijd" summary="" style="width: 18em;" title="Bron vermeldt geen uitslagen."> + <caption class="center"><span class="race">Kampioenschap van Nederland.</span></caption> +<tbody> +<tr><td> </td><td> </td></tr> +</tbody> +</table> + +<p><span class="pagenum" title="34"> </span><a id="p_34"></a></p> + +<table class="wedstrijd" summary=""> + <caption class="center"><span class="race"><i xml:lang="en">Matches of Professionals for the Championship.</i></span><br /> + </caption> + +<tbody> + <tr> + <td class="tdl" colspan="3" xml:lang="en">P. M. = Putney–Mortlake.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdc size85" colspan="3">De tusschen haakjes geplaatste naam is die van den overwonnene. + <hr class="hr20" /></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1831 (9 Sept.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">C. Campbell (C. Williams).</td> + <td class="tdl"></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1846 (19 Aug.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">R. Coombes (C. Campbell) P. M.</td> + <td class="tdl">26′ 15″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1852 (24 Mei)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">T. Cole (R. Coombes) P. M.</td> + <td class="tdl">26′ 15″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1854 (20 Nov.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Messenger (T. Cole) P. M.</td> + <td class="tdl">24′ 25″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1857 (12 Mei)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. Kelley (J. Messenger) P. M.</td> + <td class="tdl">24′ 30<ins class="corr" id="corr10" title="Bron: ′">″</ins></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1859 (25 Sept.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">R. Chambers (H. Kelley) P. M.</td> + <td class="tdl">25′ 25″</td> + </tr> + <tr><td class="tdl">1865 (8 Aug.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. Kelley (R. Chambers) P. M.</td> + <td class="tdl">23′ 26″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1866 (22 Nov.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">R. Chambers (J. Sadler) P. M.</td> + <td class="tdl">25′ 4″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1867 (6 Mei)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">H. Kelley (R. Chambers) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td> + <td class="tdl">31′ 47″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1868 (17 Nov.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Renforth (H. Kelley) P. M.</td> + <td class="tdl">23′ 15″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1874 (17 April)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. H. Sadler (E. Bagnall) P. M.</td> + <td class="tdl">24′ 15″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1875 (15 Nov.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. H. Sadler (R. W. Boyd) P. M.</td> + <td class="tdl">28′ 5″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1876 (27 Juni)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Trickett (J. H. Sadler) P. M.</td> + <td class="tdl">24′ 45″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1877 (19 Maart)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">R. W. Boyd (W. Nicholsen) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td> + <td class="tdl">25′ 40″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1877 (28 Mei)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">R. W. Boyd (J. Higgins) P. M.</td> + <td class="tdl">28′ 24″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1877 (8 Oct.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Higgins (R. W. Boyd) P. M.</td> + <td class="tdl">24′ 10″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1878 (14 Jan.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Higgins (R. W. Boyd) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">foul<ins class="corr" id="corr11" title="Niet in Bron.">.</ins></td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1878 (3 Juni)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Higgins (W. Elliott) P. M.</td> + <td class="tdl">24′ 38″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1878 (17 Sept.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. Elliot (R. W. Boyd) P. M.</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">foul.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1879 (17 Febr.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. Elliot (J. Higgins) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td> + <td class="tdl">22′ 1″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1879 (16 Juni)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (W. Elliot) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td> + <td class="tdl">21′ 21″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1880 (15 Nov.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (E. Trickett) P. M.</td> + <td class="tdl">26′ 12″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1881 (14 Febr.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (E. C. Laycock) P. M.</td> + <td class="tdl">25′ 41″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl"><span class="pagenum" title="35"> </span><a id="p_35"></a> + 1882 (3 April)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (R. W. Boyd) <span xml:lang="nl">op de</span> Tyne</td> + <td class="tdl">21′ 25″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1882 (1 Mei)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (E. Trickett) P. M.</td> + <td class="tdl">28′</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1883 (31 Mei)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (J. L. Kennedy) Point of Pines Canada</td> + <td class="tdl">m. 15 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1883 (18 Juli)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (W. Ross) Lawrence River U. S.</td> + <td class="tdl">m. 20 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884 (22 Mei)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (E. C. Laycock) Melbourne Nep.</td> + <td class="tdl">m. L. in 22′ 45″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1884 (16 Aug.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. Beach (E. Hanlan) Paramatta</td> + <td class="tdl">m. 6 L. in 20′ 29″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885 (7 Febr.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">E. Hanlan (Clifford) Paramatta</td> + <td class="tdl">m. 7 L.</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885 (28 Maart)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">W. Beach (E. Hanlan) Paramatta</td> + <td class="tdl">m. 10 L. in 22′ 51″</td> + </tr> + <tr> + <td class="tdl">1885 (24 Oct.)</td> + <td class="tdl" xml:lang="en">J. Teemer (E. Hanlan) Hudson Riv.</td> + <td class="tdl">22′ 11″</td> + </tr> +</tbody> +</table> + +<hr class="fnsep" /> + +<div class="footnote"><p><a id="FN_1" href="#FNa_1" class="label"><sup>1</sup>)</a> Voor den eersten keer in <span xml:lang="en">outriggers</span>.</p></div> + +<div class="footnote"><p><a id="FN_2" href="#FNa_2" class="label"><sup>2</sup>)</a> Voor den eersten keer met <span xml:lang="en">sliding-seats</span>.</p></div> + +<div class="figcenter2" style="width: 71px;"> +<img src="images/deco5.png" width="71" height="47" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="36"> </span><a id="p_36"></a></p> + +<div class="figcenter2" style="width: 463px;"> +<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<h2><a id="II"></a>TWEEDE HOOFDSTUK.</h2> + +<hr class="chbegin" /> + +<p class="subh2">DE BOOT EN HARE ONDERDEELEN.</p> + +<h3> 1. <i>De Boot.</i></h3> + +<div><img class="cap" src="images/cap_d.png" width="76" height="116" alt="" /></div> + +<p class="drop">De booten worden in twee hoofdgroepen verdeeld: <i xml:lang="en">outrigged-</i> en +<i><span xml:lang="en">inrigged</span>booten</i>.</p> + +<p>Bij ons te lande wordt bijna uitsluitend de laatste soort gebezigd, om +welke reden wij daaraan het meest onze aandacht zullen wijden.</p> + +<p>Daar echter de veranderingen en verbeteringen aan de <i><span xml:lang="en">outrigged</span>booten</i> +ook op die der tweede soort grooten invloed hebben uitgeoefend, zullen +wij vooraf eene korte beschrijving van <i><span xml:lang="en">outrigged</span>booten</i> geven. De +snelheid eener boot is afhankelijk van twee hoofdfactoren, n.l. hare +breedte en de lengte van <span class="pagenum" title="37"> </span><a id="p_37"></a>den hefboom des riems. De uitvinding van den +<span xml:lang="en">outrigger</span> nu is de eenvoudige oplossing van het probleem: de lengte van +den hefboom onafhankelijk te maken van de breedte der boot, m. a. w. de +boot smaller te kunnen maken, zonder dat het daarbij noodig is den +hefboom te verkorten. <em class="g" xml:lang="en">H. Clasper</em> van <span xml:lang="en">New-Castle on Tyne</span> heeft in 1841 +deze vraag opgelost door de dollen, in plaats van op het boord, buiten +de boot op een uitstekend ijzeren toestel aan te brengen.</p> + +<p>Naar dit toestel nu, dat den naam <i xml:lang="en">outrigger</i> draagt, worden ook de +booten, die er mede voorzien zijn, <i xml:lang="en">outriggers</i> genoemd.</p> + +<p>Zij hebben in Amerika en Engeland de oudere bootsoorten op wedstrijden +geheel verdrongen, zijn in Duitschland reeds overal ingevoerd en +beginnen ook in Frankrijk en Belgi het burgerrecht te verkrijgen. In +Nederland is tot nog toe de <i xml:lang="en">single-sculling</i> de eenige +vertegenwoordiger van de <i xml:lang="en">outriggers</i> op wedstrijden.</p> + +<p>Daar <i xml:lang="en">outriggers</i>, die voor wedstrijden gebruikt worden, gewoonlijk niet +meer dan een paar centimeter boven het water uitsteken, zijn zij met taf +overdekt, uitgezonderd het gedeelte waarin de roeiers zitten. Dit wordt +door eene kleine verhooging der boorden, het <i>waschboord</i> genaamd, tegen +het binnenslaan der golven beveiligd.</p> + +<p>Bij <i xml:lang="en">inrigged-</i> of <i xml:lang="en">rowlockboats</i> (<i xml:lang="fr">yole-gigs</i>, <i xml:lang="de">Dollenboote</i>), <span class="pagenum" title="38"> </span><a id="p_38"></a>bij ons +kortweg <i>gieken</i> geheeten, zijn de dollen niet op <span xml:lang="en">outriggers</span>, maar op de +boorden aangebracht.</p> + +<p>De <i>giek</i> is breeder en hooger dan de <i xml:lang="en">outriggers</i>; breeder, omdat geen +<span xml:lang="en">outrigger</span> hierin de lengte van den hefboom onafhankelijk maakt van de +breedte der boot; hooger, omdat zij niet overdekt zijn. Doordat echter +de roeiers niet in het midden der boot, maar tegen de boorden zitten, +kan hierdoor de hefboom weer langer zijn.</p> + +<p>Hoewel, zooals reeds gezegd is, in vele landen op wedstrijden door den +<i xml:lang="en">outrigger</i> verdrongen, zal toch ook daar de <i>giek</i> steeds moeten +blijven bestaan voor het oefenen van beginners; want om in een +<i xml:lang="en">outrigger</i> te kunnen gaan roeien moet men het tot zekere hoogte in de +kunst gebracht hebben. Bij ons wordt de <i>giek</i> nog altijd op wedstrijden +gebruikt, doch voorzien van allerlei veranderingen en verbeteringen, die +in Engeland in verloop van tijd aan de <i xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr12" title="Bron: ontriggers">outriggers</ins></i> werden +aangebracht. Zoo ziet een <i>racegiek</i> (<i xml:lang="fr">yole-gig de course</i>, +<i xml:lang="de">Dollenrennboot</i>), die men tegenwoordig van fransche of duitsche +bootbouwers ontvangt, er geheel anders uit dan eene echte, oude +engelsche <i xml:lang="en">inriggedracingboat</i>; de <span xml:lang="en">sliding-seat</span> is er in aangebracht, de +oude houten dollen zijn door <i xml:lang="en"><ins class="corr" id="corr13" title="Bron: swivling-rowlocks">swiveling-rowlocks</ins></i> vervangen, +en deze staan niet meer op het boord, doch op een naar buiten stekend, +op het boord aangebracht stuk hout, zoodat het eigenlijk geen +<i xml:lang="en">inriggers</i> meer zijn. En nog worden er jaarlijks nieuwe veranderingen +<span class="pagenum" title="39"> </span><a id="p_39"></a>in aangebracht en worden onze vereenigingen daardoor jaar op jaar +gedwongen zich nieuwe booten aan te schaffen, zoo zij ten minste op +wedstrijden niet door haar materiaal aan de tegenpartij een voordeel +willen verschaffen; en de bootbouwers wrijven zich de handen van plezier +en worden steeds scherpzinniger in het uitvinden van „<i xml:lang="en">innovations</i>“; +want elke nieuwigheid heeft nieuwe bestellingen tengevolge.</p> + +<p>Hiertegenover staat, dat wij, de <i xml:lang="en">outriggers</i> op onze wedstrijden +invoerende, onze vereenigingen vele kosten zouden besparen, daar het +model van een <i xml:lang="en">outrigger</i> niet telkens verandert.</p> + +<p>Maar het grootste voordeel zou zijn, dat wij ook met de Engelschen, tot +dusver de eersten onder de amateurs, onze krachten zouden kunnen meten, +terwijl wij nu met onze <i>gieken</i> op het vasteland kunnen blijven.</p> + +<p>Waarom niet flink en doortastend terstond de <i xml:lang="en">outriggers</i> ingevoerd in +plaats van krampachtig aan onze <i xml:lang="en">inriggers</i> vast te houden, die toch +eigenlijk geen <i xml:lang="en">inriggers</i> meer zijn?</p> + +<p>Wij stellen met onze hybridische <i>gieken</i> nog ns de uitvinding van den +<i xml:lang="en">outrigger</i> voor.</p> + +<p>Immers men verhaalt, dat ook de eerste <i xml:lang="en">outrigger</i> slechts een houten +toestel was om de dollen naar buiten te brengen, en dat <em class="g" xml:lang="en">Clasper</em> hierop +het denkbeeld heeft opgevat om dit toestel te verlengen en <span class="pagenum" title="40"> </span><a id="p_40"></a>uit ijzeren +stangen te vervaardigen. En dat was in 1841!</p> + +<p>Ook bij onze naburen, de Belgen, is de <i xml:lang="en">outrigger</i> zeer koel ontvangen +en slechts op enkele „<i xml:lang="fr">courses pour embarcations de construction libre</i>“ +verschenen. Toch vindt hij daar ijverige verdedigers, getuige het +jaarverslag over 1885 van de <i xml:lang="fr">Cercle des Rgates</i> te Brussel, waarin men +leest: „<span xml:lang="fr">Depuis longtemps les socits des pays voisins nous ont devancs +dans cette voie, et il est rellement fcheux qu'en Belgique certains +cercles persistent dans leurs anciens errements.</span>“</p> + +<p>Zoowel <i xml:lang="en">outriggers</i> als <i xml:lang="en">inriggers</i> ontvangen naar het aantal roeiers, +waarvoor zij bestemd zijn, hun naam. Zoo heet eene boot voor 8, 6, 4 of +2 roeiers een <i>achtriems</i> (<i xml:lang="en">eight-oar</i>, <i xml:lang="fr">gig huit rameurs</i>, +<i xml:lang="fr">Achtriemer</i>), <i>zesriems</i>, <i>vierriems</i> of <i>tweeriems</i> (<i xml:lang="en">pair-oar</i>).</p> + +<p>Wanneer de roeier slechts n riem hanteert, zoo heet deze <i xml:lang="en">oar</i> +(<i xml:lang="fr">aviron de pointe</i>); roeit hij echter met twee riemen, dan worden deze +<i xml:lang="en">sculls</i> (<i xml:lang="fr">avirons de couple</i>) genoemd, de roeier is dan een <i xml:lang="en">sculler</i> +en de boot een <i xml:lang="en">scullingboat</i>.</p> + +<p>Een boot, die slechts voor n roeier bestemd is, heet daarom +<i xml:lang="en">single-scullingboat</i>.</p> + +<p>Ook komen wel booten voor, die voor meerdere <span xml:lang="en">scullers</span> zijn ingericht.</p> + +<p>Booten, die door meerdere roeiers worden voortbewogen, hebben gewoonlijk +een stuurman.</p> + +<p>In Amerika en Engeland worden echter <i>vierriems<span xml:lang="en">outriggers</span></i> <span class="pagenum" title="41"> </span><a id="p_41"></a>meestal—en +<i>tweeriemsoutriggers</i> (<i xml:lang="en">pairoars</i>) altijd door een der roeiers gestuurd.</p> + +<p>De tegenwoordige <i xml:lang="en">single sculling outrigger</i>, waarin alom om het +„<i xml:lang="en">championship</i>“ geroeid wordt, draagt in Belgi en Frankrijk algemeen +den naam van <i>skiff</i>, waaronder vroeger een geheel ander vaartuig werd +verstaan. Toen was het een korte, zware en wijde boot, die eenigszins +het model van eene <i xml:lang="en">wherry</i> had.</p> + +<p>De <i xml:lang="en">wherry</i> was vr twintig jaren de meest voorkomende boot op de +<span xml:lang="en">Thames</span>. Zij gelijkt op een <i>giek</i>, maar is zwaarder en korter, terwijl +de boorden, in plaats van over de geheele lengte dezelfde hoogte te +hebben, op de plaatsen, waar de dollen zijn aangebracht, oploopen. Zij +is meestal overnaadsch en dient voor het maken van tochten, zoodat zij +dikwijls ook voor zeilen is ingericht.</p> + + +<h3> 2. <i>Onderdeelen der Boot.</i></h3> + +<p>Wanneer men zich in eene boot gezeten denkt met het gelaat naar den +voorsteven, evenals de stuurman, dan heet de linkerzijde <i>bakboord</i> +(<i xml:lang="en">port</i> of <i xml:lang="en">larboard</i>, <i xml:lang="fr">babord</i>, <i xml:lang="de">Backbord</i>)—de rechterzijde +<i>stuurboord</i> (<i xml:lang="en">starboard</i>, <i xml:lang="fr">tribord</i>, <i xml:lang="de">Steuerbord</i>).</p> + +<p>Het voorste gedeelte tot aan den eersten roeier wordt de <i>boeg</i> (<i xml:lang="en">bow</i>, +<i xml:lang="de">Bug</i>)—het achterste tot aan den stuurman de <i>achtersteven</i> (<i xml:lang="en">stern</i>) +genoemd; het overige heet <i xml:lang="en">midships</i>.</p> + +<p><span class="pagenum" title="42"> </span><a id="p_42"></a></p> + +<p>Tot de onderdeelen overgaande hebben wij vooreerst: de <i>kiel</i> (<i xml:lang="en">the +keel</i>), die bij zware booten aan den binnen- en buitenkant—doch bij +racebooten alleen aan den binnenkant zichtbaar is. Zij vormt geen rechte +lijn, maar is aan de beide uiteinden eenigszins opwaarts gebogen en is +dus als 't ware de ruggegraat der boot.</p> + +<p>Aan beide zijden van de kiel zijn de <i>ribben</i> (<i xml:lang="en">the ribs</i>, <i xml:lang="en">timbers</i> of +<i xml:lang="en">lands</i>, <i xml:lang="de">die Rippen</i>) bevestigd. Het is van groot belang, dat de ribben +stevig met de kiel verbonden zijn, daar zij het beloop der zijwanden +aangeven.</p> + +<p>De <i>waterlijn</i> is de streep, die het water op de zijden der boot +afteekent, wanneer deze bemand op het water ligt. Daar elke boot ne +bepaalde ligging op het water heeft, waarbij zij het snelst loopen kan, +is het groot geheim der kunst juist in het vaststellen dier lijn +gelegen.</p> + +<p>Het lichaam zelf der boot bestaat uit lange, smalle, over elkander +sluitende planken, die tegen de ribben genageld zijn. Zulke booten +heeten <i>overnaadsche-</i> of <i>klinkerbooten</i>.</p> + +<p>Bij <i>lichte</i> of <i>gladde booten</i>, die op wedstrijden gebruikt worden, is +het lichaam uit lange, breede en zeer dunne bladen hout samengesteld. +Deze zijn door stoom gebogen en sluiten z dicht tegen elkander, dat +het geheele uitwendige eene gladde oppervlakte vertoont.</p> + +<p><span class="pagenum" title="43"> </span><a id="p_43"></a></p> + +<p>Deze laatste soort wordt gewoonlijk van amerikaansch cederhout +vervaardigd, terwijl de overnaadsche booten meestal van eiken- of +mahoniehout zijn gemaakt en voor oefen- of pleiziervaartuigen dienen.</p> + +<p>Racebooten worden tegenwoordig z gemaakt, dat zij in twee of drie +stukken kunnen worden uit elkander genomen, hetgeen vooral voor het +vervoer zeer gemakkelijk is en vele kosten bespaart. De Franschen noemen +zulk eene boot <i xml:lang="fr">dmontable</i>, de Duitschers <i xml:lang="de">zusammenlegbar</i>.</p> + +<p>In Amerika worden racebooten in de laatste jaren ook van papier +vervaardigd; zij moeten ten opzichte van lichtheid, gemakkelijke +reparatie, groote hechtheid, enz. vele voordeelen aanbieden. Door lang +in het water te liggen zal de papieren substantie, al is deze ook nog +zoo hard gemaakt, naar onze meening, echter noodzakelijk water inzuigen. +In Europa zijn zij nog slechts weinig in gebruik om de eenvoudige reden, +dat de Amerikanen de bewerking geheim houden. Al heeft men er dus de +hooge transportkosten voor over om hier zulk eene boot te bezitten, zoo +moet men haar toch bij elke averij in Amerika laten herstellen.</p> + +<p><i>Boeg</i> (<i xml:lang="en">stem</i>, <i xml:lang="de">Bug</i>) heet het voorste gedeelte der boot, dat het water +doorsnijdt, terwijl het achterstuk, waaraan het roer bevestigd wordt, +<i>achtersteven</i> (<i xml:lang="en">stern</i> of <i xml:lang="en">afterpart</i>, <i xml:lang="de">Hintersteven</i>)—en bij booten, +waarbij <span class="pagenum" title="44"> </span><a id="p_44"></a>dit deel niet scherp uitloopt, maar een klein plat vlak vormt, +<i>hek</i> (<i xml:lang="en">transom</i>, <i xml:lang="de">Heck</i>) wordt genoemd.</p> + +<p>De <i>loopplanken</i> liggen altijd los op den bodem der boot om er bij het +schoonmaken te kunnen worden uitgenomen.</p> + +<p>De <i>spoorplank</i> of het <i>voetbord</i> (<i xml:lang="en">stretcher</i>, <i xml:lang="fr">la barre de pied</i>, +<i xml:lang="de">Stemmbrett</i>), waartegen men bij het roeien de voeten plaatst, kan naar +gelang van de lengte der beenen verplaatst worden. Hierop is de +<i>voetriem</i> bevestigd, die de voeten van den roeier omsloten houdt en +deze daardoor in de voor- en achterwaartsche bewegingen ondersteunt. Het +is noodzakelijk voor de regelmatigheid dezer bewegingen, dat beide +voeten in voetriemen steken, daar de roeier, zoo slechts n der voeten +door een riem is omvat, na het einde van den slag alle kracht bij het +naar voren komen op die zijde van het lichaam overbrengt.</p> + +<p><i>Dollen</i> (<i xml:lang="en">rowlocks</i>, <i xml:lang="fr">dames</i>, <i xml:lang="de">Dullen</i>) zijn de houten of metalen +pennen, waartusschen de riem bij het roeien ligt. Zij zijn bij +<i xml:lang="en">inriggers</i> op de boorden—bij <i xml:lang="en">outriggers</i> op de <i xml:lang="en">outriggers</i> +aangebracht. De een, waartegen de riem bij het trekken drukt, heet de +<i>trekdol</i> (<i xml:lang="en">thowl</i>, <i xml:lang="fr">dame d'arrt</i>, <i xml:lang="de">Ruderpflock</i>), de ander, die bij +het strijken dienst doet, de <i>strijkdol</i> (<i xml:lang="en">stopper</i> of <i xml:lang="en">after-thowl</i>, +<i xml:lang="fr">dame de retour</i>, <i xml:lang="de">Streichpflock</i>).</p> + +<p>Het houtje, dat tusschen de beide dollen ligt en waarop de riem rust, +heet het <i>scheerhout</i> of <i>vulhout</i> (<i xml:lang="en">filling</i>, +<i xml:lang="de">Dullenlager</i><ins class="corr" id="corr14" title="Cursief in Bron."> of </ins><i xml:lang="de">Ftterung</i>).</p> + +<p><span class="pagenum" title="45"> </span><a id="p_45"></a></p> + +<p>Sedert eenige jaren is men in Amerika op de gedachte gekomen om +beweegbare dollen op <span xml:lang="en">sculling</span>booten te plaatsen.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 550px;"> +<img src="images/ill_p045.png" width="550" height="524" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 1.</div> +</div> + +<p>Het is eene uitvinding, die op het invoeren der <span xml:lang="en">sliding-seat</span> +noodzakelijk volgen moest. Terwijl immers hierdoor de roeier werd in +staat gesteld om de <span xml:lang="en">sculls</span> veel verder naar voren en achteren te brengen +dan op vaste banken, moesten ook de dollen verder van elkander worden +geplaatst. Dit nu was nadeelig, 1<sup>e</sup> door de grootere speelruimte, +welke de <span xml:lang="en">scull</span> daardoor tusschen de dollen kreeg, en door de daaruit +<span class="pagenum" title="46"> </span><a id="p_46"></a>voortvloeiende onvastheid, +en 2<ins class="corr" id="corr15" title="Subscript in Bron."><sup>e</sup></ins> door de grootere wrijving.</p> + +<p>Deze beide bezwaren nu worden door de <i>draaidollen</i> (<i xml:lang="en">swivel rowlocks</i>) +opgeheven, daar de roeier hierbij zver met zijne <span xml:lang="en">sculls</span> reiken kan, +als hij zelf maar wil.</p> + +<p>Van deze draaidollen bestaan tegenwoordig alweer tallooze soorten. Ook +de fransche bootbouwers brengen ze op <span xml:lang="en">inriggers</span> aan. Voor een der beste +soorten geldt de „<i xml:lang="en">Davis swivel rowlock</i>“, waarvan ook <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> zich +steeds bediend heeft. (zie fig. 1).</p> + +<p>De <i>riem</i> (<i xml:lang="en">oar</i> of <i xml:lang="en">scull</i>, <i xml:lang="fr">aviron</i> of <i xml:lang="fr">rame</i>, <i xml:lang="de">Ruder</i> of <i xml:lang="de">Riem</i>) +bestaat uit vier deelen: het <i>handvat</i> (<i xml:lang="en">handle</i>, <i xml:lang="fr">le manche</i>, <i xml:lang="fr">la +poigne</i>, <i xml:lang="de">Griffe</i>), het <i>binneneind</i> (<i xml:lang="en">loom</i>, <i xml:lang="de">Innenhebel</i>), het +<i>buiteneind</i> (<i xml:lang="en">shank</i> of <i xml:lang="en">small</i>, <i xml:lang="de">Aussenhebel</i>) en het <i>blad</i> (<i xml:lang="en">blade</i>, +<i xml:lang="fr">pelle</i>, <i xml:lang="de">Blatt</i>).</p> + +<p>Op de plaats, waar de riem in de dollen rust, is hij over eene lengte +van 15 cM. met leder bekleed om de wrijving te verminderen; en hierop is +het <i>stootler</i> (<i xml:lang="en">stop</i>, <i xml:lang="de">Pflock</i> of <i xml:lang="de">Knopf</i>) aangebracht, dat het +uitglijden uit de dollen verhindert.</p> + +<p>Dit stootleer werd gewoonlijk met drie lange draadnagels aan den riem +vastgemaakt, waardoor deze op die plaats zeer verzwakt werd. In de +meeste gevallen, dat riemen werden stukgetrokken, geschiedde dat op die +plaats. Nu heeft een Engelschman <em class="g" xml:lang="en">Young</em> in 1885 een middel uitgevonden +om het stootleer zonder spijkers aan den riem te bevestigen, <span class="pagenum" title="47"> </span><a id="p_47"></a>en op zijne +uitvinding patent aangevraagd. De door roeiers uit Londen, Oxford en +Cambridge genomene proeven hebben uitstekend voldaan.</p> + +<p>Ook in de riemen heeft de Amerikaan <em class="g" xml:lang="en">Davis</em> in den laatsten tijd eene +verbetering aangebracht. De as der bladen van de door hem vervaardigde +riemen valt niet in het verlengde van den steel, maar vormt hiermede een +hoek, zoodat bij het roeien de bovenkant van het blad evenwijdig is aan +de wateroppervlakte, hoewel de steel van den riem met het watervlak +natuurlijk een stompen hoek maakt.</p> + +<p>Onderstaande figuur geeft een <span xml:lang="en">scull</span> te zien, zooals die onder den trek +in het water staat.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 647px;"> +<img src="images/ill_p047.png" width="647" height="157" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 2.</div> +</div> + +<p>De proeven, die de berlijnsche bootbouwer <em class="g" xml:lang="de">Rettig</em> in 1885 met holle +riemen heeft genomen, zijn niet bevredigend uitgevallen.</p> + +<p>Het <i>roer</i> (<i xml:lang="en">the rudder</i>, <i xml:lang="fr">la barre</i>, <i xml:lang="de">das Steuer</i>), dat met de roerpen +aan den achtersteven wordt verbonden, bestaat uit het blad, en het juk, +aan welks uiteinden de <i>stuurlijnen</i> (<i xml:lang="en">yokelines</i>, <i xml:lang="fr">fils</i>, +<i xml:lang="en">Steuerleinen</i>) verbonden zijn.</p> + +<p><span class="pagenum" title="48"> </span><a id="p_48"></a></p> + +<p>De <i>vanglijn</i> (<i xml:lang="en">painter</i> of soms <i xml:lang="en">headfast</i>) is het touw, waarmede de +boot wordt vastgelegd.</p> + +<p>De zitplaatsen blijven ons nog ter bespreking over.</p> + +<p>De zitplaats van den stuurman, stuurbank genoemd, wordt tegenwoordig +aldus in de boot aangebracht, dat men dien naar gelang van het gewicht +van den stuurman kan verplaatsen.</p> + +<p>De <i>roeibanken</i> (<i xml:lang="en">thwarts</i>, <i xml:lang="fr">bancs de nage</i>, <i xml:lang="de">Ruderbnke</i>) staan dwars +op de boot en zijn door middel van kniehoutjes aan de boorden bevestigd.</p> + +<p>Gewoonlijk zit de roeier op een aan den bank vastgebonden matje of +kussen om het afglijden en drroeien tegen te gaan. Op wedstrijden +echter lieten de roeiers die kussens weg en gleden op hunne banken heen +en weder om den slag langer te kunnen maken; om deze beweging te +vergemakkelijken werd de zitplaats wel met zeep of vet bestreken, +waarover de roeier dan met eene met leder bekleede broek heen en weer +schoof.</p> + +<p>Bij het scullen was deze methode ongetwijfeld voordeelig; doch bij het +roeien, waarbij 6 10 slagen per minuut mr worden gemaakt, woog het +voordeel van den langeren slag niet op tegen de buitengewone inspanning +der beenen.</p> + +<p>Zoo was de beroemde ploeg van <span xml:lang="en">Renforth</span> gewoon op vaste banken te +glijden, wanneer zij op een korten afstand alle krachten aanwendden (<i xml:lang="en">to +make a spurt</i>, <span class="pagenum" title="49"> </span><a id="p_49"></a><i xml:lang="fr">faire un enlevage</i>), +doch op lange afstanden konden zij zulks niet volhouden. Ook de vierriemsploeg +„<em class="g" xml:lang="en">John-o' Gaunt</em>“ van +<span xml:lang="en">Lancaster</span>, die in 1870 aan de <span xml:lang="en">Henley</span> deelnam, gleed over +vaste banken, en verkreeg op eene korte baan eene groote snelheid; maar +de beenen werden te zeer ingespannen, dan dat zij het lang vermochten +vol te houden.</p> + +<p>Zonderling, dat roeiers, die toch inzagen, dat het gebrekkige in dit +glijden voortkwam uit de wrijving van het lichaam op den bank, niet op +de gedachte kwamen de beweging te vereenvoudigen door den bank tegelijk +met het lichaam te laten glijden. Aan een Amerikaan is de theoretische +toepassing van dit principe te danken. Maar de amerikaansche roeiers, +hoewel schrander genoeg om in te zien dat, zoo het lichaam over den bank +moest glijden, deze beweging gemakkelijker werd door op een afzonderlijk +bankje over den eigenlijken bank heen en weer te gaan, stelden deze +uitvinding niet genoeg op prijs; hetgeen wel hieraan wordt +toegeschreven, dat de Amerikanen in dien tijd bij het roeien bijna allen +hunne armen en schouders gebruiken, zonder aan het gebruik der been- en +lendespieren gewicht te hechten.</p> + +<p>Een ploeg uit het noorden van Engeland, die destijds in Amerika +vertoefde en daar de oplossing van het probleem zag, bracht het bij haar +terugkomst in praktijk; en het groote nut der <i>glijbanken</i> +(<i xml:lang="en">sliding-seats</i>, <span class="pagenum" title="50"> </span><a id="p_50"></a><i xml:lang="fr">bancs coulisse</i>, +<i xml:lang="de">Gleitsitze</i>) bleek op den +wedstrijd voor vierriemsgieken in Nov. 1871 op de <span xml:lang="en">Tyne</span>. <em class="g" xml:lang="en">J. Taylor</em> +namelijk had zijne ploeg overgehaald tot het beproeven der nieuwe +methode en dit tot den dag van den wedstrijd zorgvuldig geheim gehouden. +Het resultaat was verrassend, want de tegenpartij, de ploeg van +<em class="g" xml:lang="en">Chambers</em>, werd met gemak verslagen.</p> + +<p>Twee wedstrijden in <span xml:lang="en">sculling</span>, in de daaropvolgende lente op de <span xml:lang="en">Thames</span> +gehouden, deden het voordeel der glijbanken nog meer uitkomen.</p> + +<p>Zonderling is het verder, dat de Amerikanen, de eigenlijke uitvinders +der glijbanken, nalieten er zich van te bedienen, en, terwijl zij zelven +in hunne methode van roeien de beenen niet gebruikten, aan hunne +mededingers, de Engelschen, door hunne uitvinding de beste wijze aan de +hand gaven om het meeste voordeel van de beenspieren te trekken.</p> + +<p>Bekend is de overwinning van de <i xml:lang="en">London Rowing-club</i> op de <i xml:lang="en">Club +Atalanta</i> van New-York, waarbij eerstgenoemde de glijbanken gebruikte. +Hoewel toen de Engelschen, zoowel door meerdere physieke kracht als door +hun beteren stijl, ook zonder dat voordeel de overwinning zouden hebben +behaald, zoo was toch de <i xml:lang="en">sliding-seat</i> in de engelsche boot voor een +groot gedeelte de oorzaak van de smadelijke nederlaag der Amerikanen. +Maar juist de overtuiging, dat de Engelschen <span class="pagenum" title="51"> </span><a id="p_51"></a>toch verreweg de baas +waren, hield de oppositie tegen de nieuwigheid bij de roeiers van het +oude stelsel nog levendig. Want de schoone stijl (zoo redeneerden zij) +gaat er door verloren, al moge men dan ook iets in snelheid winnen.</p> + +<p>Mettertijd echter ging men inzien, dat de schoone stijl zeer goed te +vereenigen was met het roeien op <i xml:lang="en">sliding-seats</i>, en dat, al valt het +niet te ontkennen dat voorbeelden van goeden stijl minder talrijk zijn +dan in den tijd van de vaste banken, deze toch langzamerhand terugkeert.</p> + +<p>En naarmate men het juiste gebruik der <i xml:lang="en">sliding-seat</i> beter zal leeren +kennen, zullen alle roeiliefhebbers zich niet over het bederf van den +stijl hebben te beklagen, doch zich verheugen over eene uitvinding, die +alle lichaamsdeelen tot hun recht laat komen en het roeien tot een der +volledigste lichaamsoefeningen maakt.</p> + +<p>In den laatsten tijd tracht men ook in de <i xml:lang="en">sliding-seat</i> weer +verbeteringen te brengen door de banken over wieltjes te laten rollen. +Daar men het over de zaak nog niet eens is, verwijzen wij +belangstellenden naar de n<sup>o</sup>. 24 en 25 van de <i xml:lang="de">Wassersport</i> van 1885, +waarin de kwestie door <em class="g" xml:lang="de">Dr. Schiller</em> in met teekeningen opgeluisterde +opstellen wetenschappelijk behandeld wordt; en naar n<sup>o</sup>. 42, waar zij +door <em class="g" xml:lang="de">R. Rochow</em> meer uit een praktisch oogpunt wordt besproken.</p> + +<p><span class="pagenum" title="52"> </span><a id="p_52"></a></p> + +<p>Nog van eene andere uitvinding der Amerikanen moeten wij melding maken, +n.l. het <i>windzeil</i> voor <span xml:lang="en">scullers</span>. Ieder <span xml:lang="en">sculler</span> weet bij ondervinding, +hoe lastig het is om bij zijwind koers te houden, daar de boot steeds +neiging heeft met den boeg tegen den wind in te loopen; hierdoor is men +dan genoodzaakt met den arm aan de windzijde bijna alln te roeien, +zoodat deze daardoor bovenmatig ingespannen en vroegtijdig vermoeid +wordt.</p> + +<p>Verschillende middelen werden daartegen reeds beproefd, o. a. heeft men +een gewicht van een kilo aan het achtereind der boot gehangen, onder aan +de kiel een zwaard aangebracht: alles tevergeefs.</p> + +<p>Door het eerste middel namelijk lag de boot van achteren te diep en stak +met den boeg in de lucht, door het tweede werd het draaien zoo goed als +onmogelijk.</p> + +<p>Eerst het <i>windzeil</i> heeft de kwaal geheel verholpen. Het bestaat uit +een dun blad hout, dat loodrecht op den boeg wordt geplaatst en aan +elken zijwind is blootgesteld. De wind draait dan, door den druk op het +zeil, den boeg zoover van zich af als de neiging der boot is om in den +wind op te loopen, zoodat de boot haren rechten koers behoudt en de +roeier beide armen gelijkelijk kan gebruiken, hetzij hij bij windstilte +of bij sterken zijwind vaart.</p> + +<p>De beide volgende afbeeldingen van verschillend <span class="pagenum" title="53"> </span><a id="p_53"></a>gevormde windzeilen, +ontleend aan de „<i xml:lang="en">Spirit of the Times</i>,“ zijn geplaatst op booten van de +<i xml:lang="en">New-York Athletic-Club</i>.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 633px;"> +<img src="images/ill_p053a.png" width="633" height="220" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 3.</div> +</div> + +<div class="figcenter" style="width: 635px;"> +<img src="images/ill_p053b.png" width="635" height="247" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 4.</div> +</div> + +<hr /> + +<p>Na alzoo de boot en hare onderdeelen te hebben besproken, rest ons nog +het een en ander over de vervaardigers ervan te zeggen.</p> + +<p>Om dan met ons land te beginnen, kunnen wij de <em class="g">Gebr. van Heemstede Obelt</em> +te Amsterdam noemen, die vooral in de laatste jaren in het <span class="pagenum" title="54"> </span><a id="p_54"></a>bouwen van +racegieken zijn vooruitgegaan, getuige de overwinningen der R. V. +<i>Fortuna</i> in gieken van die firma behaald.</p> + +<p>Hunne booten zijn gewoonlijk zwaarder dan de fransche en engelsche, en +dit is zeker de reden, waarom de nederlandsche roeivereenigingen hunne +gieken meestal uit den vreemde laten komen.</p> + +<p>In het vorige jaar hebben zich ook te Rotterdam <em class="g" xml:lang="de">Deichmann</em> en <em class="g" xml:lang="en">Ritchie</em>, +die vroeger bij <em class="g" xml:lang="de">Rettig</em> te Berlijn werkzaam waren, nedergezet en zich +reeds een goeden naam verworven met booten voor berlijnsche clubs en +voor de <i xml:lang="de">Deutsche Turn- und Ruder-Verein</i> te Rotterdam.</p> + +<p>De duitsche fabriekanten zijn ons onbekend, hoewel er in de laatste +jaren aldaar velen zijn verrezen.</p> + +<p>Wij laten onze <span xml:lang="en">inriggers</span> voor verreweg het grootste gedeelte uit +Frankrijk komen, hetzij van <em class="g" xml:lang="en">Louis Dossunet</em> te +<span xml:lang="fr"><ins class="corr" id="corr16" title="Bron: Joinville-le Pont">Joinville-le-Pont</ins> ( l'Ecluse) Seine</span> +of van <span xml:lang="fr"><em class="g">Tellier</em>, Quai de la Rape, Paris</span>.</p> + +<p>Bij <em class="g" xml:lang="fr">Dossunet</em> schijnt men zich wel het best te bevinden, daar alle +nederlandsche ploegen, die de laatste jaren in Belgi, waar men algemeen +aan booten van <em class="g" xml:lang="fr">Tellier</em> de voorkeur geeft, overwinningen hebben behaald, +deze lauweren in booten uit <em class="g" xml:lang="fr">Dossunet</em>'s werkplaats hebben weggedragen. +Ook zijn zijne booten veel billijker in prijs. De Stud. R. V. <i xml:lang="no">Njord</i> +toch ontving in 1883 van hem een tweeriemsracegiek <span class="pagenum" title="55"> </span><a id="p_55"></a>van 700 francs en in +het volgend jaar een dito van <em class="g" xml:lang="fr">Tellier</em> voor 900 francs.</p> + +<p><span xml:lang="en">Inriggers</span> uit Engeland te laten komen is niet aan te raden, daar men +zich daar niet meer bedient van de bootsoort, die bij ons op wedstrijden +gebruikt wordt. Zoo hebben wij van <em class="g" xml:lang="en">Clasper</em> te Oxford in 1881 een +vierriems- en in 1882 een zesriemsracegiek (beide <span xml:lang="en">inrigged</span>) gezien, die +z slap waren, dat men bij het uit- en indragen bang was, dat ze inn +zouden zakken.</p> + +<p>Voor losse riemen zijn <span xml:lang="en"><em class="g">E. Ayling</em>, oar and scullmaker, Vauxhall, London +S. E.</span>, alsmede <span xml:lang="en"><em class="g">Norris</em>, York, Wandsworth</span> aan te bevelen, die zonder +prijsverhooging bij <em class="g" xml:lang="de"><ins class="corr" id="corr17" title="Bron: Deichman">Deichmann</ins></em> en <em class="g" xml:lang="en">Ritchie</em> te verkrijgen +zijn.</p> + +<p>Voor <span xml:lang="en">outriggers</span>, die door de genoemde fransche firmas trouwens ook +vervaardigd worden, worden gewoonlijk genomen <span xml:lang="en"><em class="g">J. H. Clasper</em> in <span xml:lang="en">Oxford</span>; +<em class="g">Searle & Sons</em>, London, <em class="g">S. E. Stangate</em>, Lambeth;</span> +en <em class="g" xml:lang="en">R. Simmons & Sons</em> in <span xml:lang="en">Putney</span>. +Bij <em class="g" xml:lang="en">Messum & Sons</em> te <span xml:lang="en">Richmond</span> bevonden wij ons +vroeger zeer goed wat betreft booten met vaste banken.</p> + +<hr /> + +<p>De duurzaamheid eener boot hangt grootendeels af van de wijze van +behandeling, vooral lichte racebooten kunnen door vele geforceerde +wendingen in korten tijd worden tegronde gericht.</p> + +<p><span class="pagenum" title="56"> </span><a id="p_56"></a></p> + +<p>Allereerst is het noodig, dat zij in een goed gesloten <i>giekenloods</i> +(<i xml:lang="en">boathouse</i>, <i xml:lang="fr">garage</i>, <i xml:lang="de">Boothaus</i>) tegen weer en wind beschut zijn. +Verder moeten zij aldus gelegd worden, dat zij door slechte ligging niet +haren vorm kunnen verliezen. Zoo moet men eene boot nooit op de beide +uiteinden laten rusten, daar zij dan in 't midden zal uitzakken, doch +liefst op 3 of 4 dwarsbalken of bokken leggen, zdat zij op alle +gelijkelijk steunt.</p> + +<p>Gedekte booten worden liefst in zeilen opgehangen.</p> + +<p>Een boot moet steeds goed gevernist zijn om het hout tegen slechte +invloeden van weer en temperatuur te beschutten. Ook is het goed lichte +booten van tijd tot tijd met vet in te wrijven, daar dit zoowel het +vernis spaart als het hout tegen scheuren beschut, die door invloeden +van water en hitte kunnen ontstaan.</p> + +<div class="figcenter2" style="width: 71px;"> +<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="57"> </span><a id="p_57"></a></p> + +<div class="figcenter2" style="width: 463px;"> +<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<h2><a id="III"></a>DERDE HOOFDSTUK.</h2> + +<hr class="chbegin2" /> + +<p class="subh2">HET ROEIEN.</p> + +<h3> 1. <i>Algemeene opmerkingen.</i></h3> + +<div><img class="cap" src="images/cap_g.png" width="78" height="117" alt="" /></div> + +<p class="drop">Geen lichaamsbeweging is er bijna, die zoozeer aanspraak kan maken op de +goede eigenschap van 't aangename aan 't nuttige te verbinden, als 't +roeien. Wat is heerlijker dan op een schoonen zomeravond over den +gladden waterspiegel heen te glijden, en na een snikheeten Julidag te +luisteren naar het geplas der riemen in het frissche water? Wat is +gezelliger dan een roeitochtje, waarbij men onder eene frissche, gezonde +beweging nieuwe streken doortrekt, vreemde dorpen en steden bezoekt?</p> + +<p><span class="pagenum" title="58"> </span><a id="p_58"></a></p> + +<p>Groot is daarom 't aantal van hen, die in eene boot hebben plaats +genomen om dat genoegen te smaken, en die op dien grond beweren te +kunnen roeien. Hoe weinigen zijn er echter onder hen, die beseffen hoe +ingewikkeld en moeilijk deze lichaamsbeweging is, wanneer men er zich op +toelegt om haar correct uit te voeren, wanneer men haar als een sport +beschouwt!</p> + +<p>Het is waar, 't is het lot van de meeste lichaamsbewegingen om aldus +behandeld te worden. De overgroote meerderheid stelt zich al heel +spoedig tevreden, en getroost zich de moeite niet om haar in den grond +te leeren. Maar het sterkst doet zich dit voor bij 't roeien.</p> + +<p>Wil men leeren paardrijden, men neemt dan ten minste toch eenige lessen; +gaat men leeren schaatsenrijden, de moeielijkheden doen zich dan vaak in +'t begin pijnlijk gevoelen; zoo is 't ook met 't schermen, 't zwemmen en +zoo vele andere lichaamsoefeningen.</p> + +<p>Maar met 't roeien? Wel, men gaat met een vriend, die evenmin ooit een +riem in zijne handen heeft gehad, in eene tweeriemsboot zitten; de +eerste slagen gaan dan wel minder goed, maar spoedig toch begint het er +wat meer naar te gelijken, de riemen komen wat meer gelijk in 't water, +en heeft men bovendien leeren scheren, dan kan men roeien. Zoo is men in +twee middagen een roeier.</p> + +<p>Wij behoeven zeker niet te zeggen, hoe dwaas het <span class="pagenum" title="59"> </span><a id="p_59"></a>is dit te meenen; maar +toch met hoeveel menschen gaat het niet op deze wijze!</p> + +<p>Het roeien is schijnbaar een zeer gemakkelijke beweging, omdat het zoo +weinig moeite kost een vaartuig over 't water te doen glijden; maar +tracht men met een minimum inspanning de grootst mogelijke snelheid te +verkrijgen, dan eerst wordt het een sport, en wel een edele sport, omdat +het een zeer groot aantal spieren in beweging brengt, en het lichaam +harmonisch ontwikkelt. Het aanleeren van dezen sport, aldus beschouwd, +kost veel moeite en eenigen tijd; en het is vooral zaak al dadelijk +onder leiding te komen en niet te trachten het zich zelf te leeren, want +allicht neemt men fouten aan, die later moeilijk afgeleerd worden.</p> + +<p>Een goede stijl wordt genoemd die methode van roeien, die de grootste +resultaten voortbrengt, d. w. z. die met de minst mogelijke inspanning +de grootst mogelijke snelheid doet verkrijgen. Bij het opsporen naar +deze beste methode heeft men geput uit de kennis der spieren, en uit de +natuurkunde; maar de ervaring, de praktijk is hier de voornaamste +leermeesteres. Het spreekt van zelf, dat deze opsporing niet overal +dezelfde resultaten heeft gegeven. Ook bij 't roeien heeft men +verschillende meeningen, verschillende theorin. Maar omtrent een groot +aantal punten, omtrent de hoofdzaken is men het ns.</p> + +<p>Bij 't onderzoek naar de vereischten voor een <span class="pagenum" title="60"> </span><a id="p_60"></a>goeden stijl, heeft men +zich laten leiden door dit beginsel, dat de krachtsinspanning zooveel +mogelijk over het geheele lichaam moet verdeeld worden.</p> + +<p>Gemakkelijk is 't te begrijpen waarom. Werken slechts weinige spieren, +dan drukt 't geheele gewicht van den arbeid op deze, en zij zullen niet +alleen het niet zoo lang volhouden, maar er zal ook lang niet zooveel +kracht ontwikkeld kunnen worden, als wanneer 't werk door een groot +aantal spieren verricht wordt. Verdeeling van den arbeid dus, en wel +naar de juiste maat; elke spier drage bij naar zijne krachten!</p> + +<p>Wij zullen trachten naar ons vermogen uiteen te zetten hoe men een +eerstbeginnende de hoofdbeginselen van 't roeien leert, voor welke +fouten hij zich vooral moet hoeden, en welke eischen men aan een goeden +stijl mag stellen.</p> + +<p>Maar vooraf nog een raad. Laat hij, die wil leeren roeien, eerst leeren +zwemmen, zoo hij deze kunst nog niet verstaat. Want hoewel niet +dikwijls, zoo gebeurt 't toch soms, dat de boot omslaat, en dit gevaar +bestaat vooral in ons land, waar men veel ruw water vindt. Aan hem, die +op 't IJ of op de groote rivieren in ons land roeit, is deze raad in de +eerste plaats gegeven, maar ook aan hem, die door de ligging van de +plaats, waar zijne roeivereeniging gevestigd is, minder in de +gelegenheid verkeert om zich op ruw water te begeven. Er zijn +voorbeelden <span class="pagenum" title="61"> </span><a id="p_61"></a>van 't verdrinken van een groot deel der bemanning door 't +omslaan van de boot.</p> + + +<h3> 2. <i>De eerste beginselen van de roeikunst.</i></h3> + +<p>Om iemand het roeien te leeren, is het raadzaam hem te plaatsen in +eene zware tweeriemsgiek met vaste banken. De onderwijzer gaat op den +stuurbank zitten, als slag neemt een geoefenden roeier plaats in de +boot, terwijl de leerling den boegriem in handen krijgt. Deze methode +heeft het voordeel, dat de leerling tegelijk dat hem de lessen worden +gegeven, de toepassing ervan kan zien; de noodige wenken worden hem +gegeven, de fouten worden hem aangewezen door den stuurman, terwijl hij +een voorbeeld vr zich heeft in den slag, die hem de verschillende +bewegingen vrdoet, en dien hij tracht na te volgen.</p> + +<p>Het eerste wat de leerling moet leeren is de <i>houding</i> in de boot. Hij +plaatst zich midden op het aan den bank bevestigd matje. Dit matje moet +op zoodanige wijze om den bank worden gebonden, dat men vlak bij het +boord zit zonder het nochtans met zijn dijen aan te raken.</p> + +<p>De voeten worden stevig tegen het spoorplankje aangedrukt, na ze onder +de voetriemen te hebben geschoven. Daarvoor is het noodig, dat het +spoorplankje niet te ver verwijderd is, maar juist zver, <span class="pagenum" title="62"> </span><a id="p_62"></a>dat de +beenen niet geheel gestrekt kunnen worden, en de knien nog iets gebogen +zijn. Vooral op dit laatste moet de onderwijzer letten, daar ieder +eerstbeginnende de neiging heeft, om het spoorplankje zoover mogelijk +van zich af te zetten, ten einde bij het scheren minder last van zijne +knien te hebben. Toch is 't noodzakelijk voor een stevigen zit en voor +een veerkrachtigen slag, dat de voeten stevig tegen den spoorplank +aangedrukt worden, hetgeen alleen mogelijk is wanneer de beenen niet +geheel gestrekt zijn.</p> + +<p>De hielen worden tegen elkander gedrukt en de voeten waaiervormig +uitgespreid. De beenen worden evenwijdig met de bootskiel gestrekt.</p> + +<p>Het bovenlijf wordt volkomen rechtop gehouden, beide schouders op +gelijke hoogte, en vooral niet naar n kant overhellend; 't gezicht en +de borst gekeerd naar den achtersteven, met geen der zijden vooruit.</p> + +<p>De borst wordt naar boven gewelfd, en de schouders iets naar beneden +achterwaarts gedrukt, maar zonder overdrijving, zonder zoogenaamden knip +of deuk in den rug. Het doel moet zijn om de longen en het hart zooveel +mogelijk ruim en onbekneld te laten werken, zonder toch eene gewrongen +houding aan te nemen. Hoe meer ongedwongen, hoe vrijer en gemakkelijker +men zit, hoe beter; want daardoor wordt de werking der spieren +zuiverder, en kan er meer kracht ontwikkeld worden.</p> + +<p><span class="pagenum" title="63"> </span><a id="p_63"></a></p> + +<div class="figcenter" style="width: 401px;"> +<img src="images/ill_p063a.png" width="401" height="132" alt="" /> +<div class="caption"><i>Verkeerde greep.</i> Fig. 5.</div> +</div> + +<div class="figcenter" style="width: 401px;"> +<img src="images/ill_p063b.png" width="401" height="116" alt="" /> +<div class="caption"><i><ins class="corr" id="corr18" title="Bron: Jui ste">Juiste</ins> greep.</i> Fig. 6.</div> +</div> + +<p>Na de houding moet de leerling leeren zijn riem vast te houden. +Onwillekeurig zal hij bij 't roeien wanneer hij eenige kracht wil +zetten, zijn riem stevig omknellen, zelfs knijpen. (Zie fig. 5.) Dit nu +is niets anders dan verspilling van krachten, want daardoor worden de +spieren, nl. die van den benedenarm, gespannen en vermoeid, zonder er +eenig grooter resultaat mede te verkrijgen. De handen moeten slechts +dienen als middel om den riem te verbinden aan het lichaam; hoe losser +dus de riem vastgehouden wordt, hoe beter, en daartoe buige men slechts +de twee uiterste leden der vingers, waardoor er als 't ware een haak +gevormd wordt, die zich om den riem slaat; (zie fig. 6) de duim wordt +onder den riem gehouden en ook slechts <span class="pagenum" title="64"> </span><a id="p_64"></a>met 't uiterste lid er tegen +aangedrukt. De polsgewrichten mogen volstrekt niet naar beneden gebogen +worden, want daardoor worden juist de spieren van den benedenarm +ingespannen, hetgeen van geen nut is, en daarom streng verboden moet +worden. Het doel moet immers zijn geen spier in te spannen, zonder +daaruit eenig aan de krachtsinspanning evenredig resultaat te +verkrijgen. De hand moet dus z gehouden worden, dat zij met den +arm n rechte lijn vormt.</p> + +<p>De buitenhand houdt men geheel aan 't einde van den riem, de binnenhand +ongeveer 1 d.M. er van af. Daar men met de buitenhand verder moet +reiken, zoo moet deze nog losser om den riem geslagen zijn dan de +binnenhand.</p> + +<p>Nu gaat de leerling slagklaar liggen, d. i. hij strekt 't lichaam flink +vooruit, zonder nochtans den rug te krommen, of de schouders te veel +naar voren te brengen, waardoor zijn hoofd zich als 't ware daartusschen +verbergt; maar toch moet dit ongedwongen geschieden. Deze houding is +voor den eerstbeginnende zeer lastig te leeren, want hij zal allicht in +n van twee uitersten vervallen, f zijn rug krommen en de schouders te +veel naar voren brengen, f stijf blijven zitten en zelfs een deuk, een +holte in zijn rug maken.</p> + +<p>Maar na eenige oefening zal het hem gelukken de middelmaat te vinden, +waarbij hij zijn <span class="pagenum" title="65"> </span><a id="p_65"></a>borst vrij laat zonder zijn spieren geweld aan te +doen.</p> + +<p>De armen worden volkomen gestrekt, 't lichaam evenwijdig met de kiel +naar den achtersteven gericht, niet naar binnen gebogen, en zonder dat +de buitenzijde mr naar voren komt.</p> + +<p>Nu wordt het tijd den leerling de verschillende bewegingen, die +gezamenlijk 't roeien vormen, te leeren. Is hij slagklaar, dan wordt +eerst 't blad van den riem juist verticaal in 't water gelaten, door de +handen even op te lichten. Een punt van groot belang is dat <i>de stand +van 't blad juist verticaal is</i>; noch de holle, noch de bolle zijde mag +eenigszins naar boven gekeerd zijn; in 't eerste geval zou 't blad, bij +'t maken van den slag, dadelijk in de diepte verdwijnen, zonder veel +tegenstand van 't water te ondervinden, en dus in een gedeelte van den +slag niet de voortstuwende kracht op de boot uitgeoefend worden, terwijl +het bovendien moeite kost om den riem van uit de diepte weer uit 't +water te brengen; in het tweede geval zou 't blad niet dadelijk geheel +in 't water gaan, maar gedeeltelijk er boven blijven rusten, ja, soms +zal het eerste gedeelte van den slag daardoor in de lucht gemaakt +worden. Opdat het blad zuiver verticaal in 't water gehouden wordt, is +het noodig dat de riem goed gevormd en niet gedraaid, het stootleer +juist aangebracht is, en de trekdol niet scheef achterover staat. Het is +zelfs <span class="pagenum" title="66"> </span><a id="p_66"></a>wenschelijk, dat de afstand tusschen de dollen van boven kleiner +is dan onderaan.</p> + +<p>Ook noodzakelijk is het, dat <i>niets meer maar ook niets minder dan het +blad onder water wordt gestoken</i>. Komt een gedeelte van den steel ook +onder water, dan zal grooter moeite ontstaan om den riem uit 't water te +lichten, zonder dat de voortstuwende kracht grooter wordt, want de dunne +steel ondervindt bijna geen weerstand van 't water; laat men echter een +gedeelte van het blad boven water, dan zal de weerstand van 't water +aanmerkelijk kleiner worden en daarmede ook de voortstuwende kracht.</p> + +<p>Nu wordt 't blad van den riem in rechte lijn in horizontale richting +gelijkmatig door 't water getrokken, door met 't lichaam kalm achterover +te zwaaien. <i>De armen worden daarbij volkomen gestrekt gehouden</i>, zoodat +de kracht wordt uitgeoefend door de spieren van den rug. Eerst op 't +einde van den slag, wanneer 't lichaam zijn zwaai volbracht heeft, +worden de armen gebogen, en de riem tot aan den buik of de borst +doorgetrokken. Men zorge hierbij steeds den rug niet te krommen, en op +'t einde van den slag zelfs <i>de schouders achterwaarts neder te +drukken</i>. <i>Het blad van den riem wordt</i>, zooals wij reeds zeiden, +<i>gedurende den geheelen slag op gelijke hoogte onder het water gehouden +tot op het einde toe</i>.</p> + +<p>Is de slag gemaakt, dan is 't noodig, ten einde een nieuwen slag te +beginnen, dat 't lichaam <ins class="corr" id="corr19" title="Bron: op nieuw">opnieuw</ins> <span class="pagenum" title="67"> </span><a id="p_67"></a>naar voren gebogen en de armen +gestrekt worden.</p> + +<p>Om de verschillende bewegingen van 't roeien zuiver te leeren maken, is +het noodig, dat ze in het begin langzaam en kalm uitgevoerd worden. Door +ze dadelijk snel en vlug te willen maken, leert men fouten aan.</p> + +<p>Dus men ligt met 't lichaam iets achterover en 't handvat van den riem +tegen den buik of den borst gedrukt. Nu wordt 't blad uit 't water +gelicht door eene kleine drukking van de handen op den riem ('t scheren +moet niet dadelijk geleerd worden, maar eerst nadat de leerling de +bewegingen van 't roeien reeds eenigszins begint te begrijpen, en zich +wat thuis begint te gevoelen in de boot), daarna worden de armen in ns +gestrekt, en 't lichaam vooruit gebracht.</p> + +<p>Deze tweeledige beweging wordt in de volgende volgorde uitgevoerd: <i>men +begint de armen te strekken, vrdat de voorwaartsche beweging van 't +lichaam wordt gemaakt</i>, en wel omdat: 1. men veel meer moeite heeft +de beweging te maken met gebogen armen, dan met gestrekte; ten bewijze +hiervan beproeve men een zwaar voorwerp of een persoon weg te duwen met +gebogen armen, en daarna met gestrekte; dan zal men bemerken dat 't +laatste veel minder inspanning kost; 2. omdat, wanneer de armen niet +dadelijk gestrekt worden, de knien in den weg zitten, vooral <span class="pagenum" title="68"> </span><a id="p_68"></a>op +<span xml:lang="en">sliding-seats</span>; maar ook op vaste banken, omdat ook hier de knien zich +bij de voorover strekkende beweging van 't lichaam iets opheffen; 3. +omdat, wanneer de voorwaartsche beweging wordt gemaakt met gebogen +armen, 't lichaam zich noodzakelijk over den riem moet heenbuigen, en de +borst wordt ingetrokken; 4. omdat anders de voorwaartsche beweging op +'t einde niet langzaam uitloopt, zooals behoort, maar juist op 't laatst +de grootste snelheid verkrijgt, zoodat zij met een schok moet eindigen.</p> + +<p>Wanneer deze beweging is volbracht, laat men het blad van den riem weer +dadelijk in 't water, zooals hierboven is aangeduid, en begint op 't +zelfde oogenblik te trekken, niet met een ruk, <i>maar toch met kracht, +en met evenveel kracht trekt men den geheelen slag door</i>.</p> + +<p>Zoo maakt 't lichaam een slingerende beweging, evenwijdig met de +kiel van de boot, zonder bij 't einde van den voorwaartschen of +achterwaartschen zwaai te rusten. Zoodra de slag geindigd is, wordt de +riem in n beweging uit 't water gelicht en naar achteren gebracht, en +ook zoodra hij zijn vlucht boven 't water volbracht heeft, weer dadelijk +in n beweging ondergedompeld en door het water heengehaald. <i>Er mag +geen stilstand in de beweging van den riem zichtbaar zijn, ja, +schijnbaar moet alles in n onafgebroken loop doorgaan.</i></p> + +<p>Eerst na de eerste lessen komt 't <i>scheren</i> aan de beurt. Dit is het +naar achteren zwaaien van den <span class="pagenum" title="69"> </span><a id="p_69"></a>riem met 't blad in horizontale houding. +De moeilijkheid bestaat in 't platdraaien van 't blad. Dit moet op de +volgende wijze geschieden: Nadat de slag geheel volbracht is, brengt men +eerst eene drukking met de vingers op 't handvat van den riem teweeg, +en vlak daarna drukt men er den palm van de hand tegen, waardoor de +riem van zelf omgedraaid wordt en tegelijk het blad zijn vlucht over +het water begint. Dit moet noodzakelijk in de aangegeven volgorde +geschieden. Drukt men eerst den palm van de hand tegen den riem, dan zal +'t blad zich noodwendig onder water omkeeren, en men „vangt een snoek.“ +Worden beide bewegingen tegelijk uitgevoerd, dan zal de onderkant van +het blad nog even de gelegenheid hebben wat water mede te nemen en door +de omdraaiende beweging een straaltje in de hoogte te werpen. Dit +laatste is niet zoo gemakkelijk te vermijden, en zelfs oudere en meer +geoefende roeiers ziet men het dikwijls doen.</p> + +<p>Men moet deze fout echter wel onderscheiden van eene andere veel +grootere fout, n.l. het naar achter weg werpen van water. Terwijl het +eerste een gevolg is van incorrect platdraaien van 't blad van den riem, +is het laatste 't gevolg van een geheel verkeerde houding van den riem +gedurende 't laatste gedeelte van den slag. Het blad van den riem wordt +dan gedurende den slag reeds een weinig omgedraaid, zoo dat het niet +geheel verticaal meer is, daarbij worden <span class="pagenum" title="70"> </span><a id="p_70"></a>de handen niet in n rechten +lijn naar den borst getrokken, maar in een boog naar beneden gedrukt. +Zoo wordt met 't blad van den riem een kolom water mede opgelicht, +en door 't laatste gedeelte van den slag weggeworpen. Dat dit tot +de grootste fouten in 't roeien behoort, is duidelijk, want door 't +naar beneden drukken van den riem worden krachten aangewend niet in +horizontale richting, maar om de boot in 't water neer te drukken; +bovendien gaat 't laatste gedeelte (hoe klein ook) van den slag in de +lucht verloren. Nadat de leerling eenigen tijd op vaste banken heeft +geroeid, en hij zich aangewend heeft bij het begin van den slag zijn +lichaam flink vooruit te strekken, en bij het einde goed achterover te +vallen, en de slingerende beweging van het bovenlijf zonder schokken of +stooten uit te voeren, dan wordt het eerst tijd hem op <span xml:lang="en">sliding-seats</span> te +doen plaats nemen. Hier wordt de beweging meer gecompliceerd, daar nu +de werking der beenen grooter is dan op vaste banken. Telkens wanneer +de slag geindigd is en 't lichaam vooruitgestrekt wordt, moet ook 't +bankje naar voren gebracht worden. Dit laatste mag echter volstrekt niet +met geweld gedaan worden. Door de voorwaartsche strekking van armen en +lichaam wordt de stoot gegeven, waardoor 't bankje als 't ware van zelf +naar voren glijdt. Daarmee willen wij niet zeggen, dat 't vooruitbrengen +van 't lichaam met een schok moet geschieden, maar <i>eerst armen en +bovenlijf, en <span class="pagenum" title="71"> </span><a id="p_71"></a>dan volgt +de <span xml:lang="en">sliding-seat</span> gemakkelijk en als van zelf</i>. +Doet men dit niet op deze wijze, dan zullen de spieren, die langs het +scheenbeen loopen, spoedig vermoeid worden, en de boot zal eene +stootende beweging verkrijgen.</p> + +<p>Op 't oogenblik dat 't bankje naar voren is gebracht, moet ook 't +lichaam voorover gestrekt zijn, en op datzelfde oogenblik wordt het blad +weer in 't water gestoken en een nieuwe slag begonnen. Op de wijze, +waarop men met de beenen de <span xml:lang="en">sliding-seat</span> naar achteren afzet, in verband +met de achteroverstrekkende beweging van 't lichaam, komen wij later +terug. Eerstbeginnenden is het vooral zaak op het hart te drukken, ook +hierbij <i>geen rukken of stooten te geven, maar gelijkmatig en +veerkrachtig alle bewegingen van 't roeien uit te voeren</i>.</p> + +<p>Wij gelooven dat het, om 't juist gebruik van de sliding te leeren, den +beginner aan te raden is om in 't eerst niet de geheele lengte ervan af +te loopen, maar langzamerhand telkens een grooter stuk ervan te +gebruiken.</p> + +<hr class="tb" /> + +<p>Wij behoeven bijna niet te zeggen, dat het van 't grootste gewicht is, +dat de leden van een ploeg <i>goed maat houden</i>, dat zij allen op 't +zelfde oogenblik hun riem in 't water steken en kracht zetten, en ook +op 't zelfde tijdstip hem er weer uit lichten en beginnen te scheren. +Wordt dit niet gedaan, dan zal 't totaal <span class="pagenum" title="72"> </span><a id="p_72"></a>van de uitgeoefende kracht +versnipperd worden, en de boot nu eens naar bakboord- dan weer +naar stuurboordzijde overgetrokken worden, terwijl bovendien eene +schommelende beweging van de boot, 't gevolg van ongelijk roeien, niet +alleen lastig is voor de roeiers, maar ook eene wrijving veroorzaakt met +'t water, die den gang van de boot tegenhoudt.</p> + +<hr class="tb" /> + +<p>In dit hoofdstuk hebben wij gesproken van het „<i>snoek vangen</i>.“ Dit +gebeurt f wanneer men den riem na 't eindigen van den slag niet tijdig +uit 't water kan lichten, f wanneer men bij 't scheren, in plaats van +'t blad over de oppervlakte van 't water te laten gaan, het ontijdig in +zijne platgedraaide houding weer in 't water doet vliegen. Het eerste +geval komt voor, wanneer de riem niet verticaal, maar scheef in 't water +wordt gestoken, zoodat hij in de diepte verdwijnt; of wanneer men 't +blad platdraait, vrdat het uit 't water is gelicht. In beide gevallen +zal de boot een schok krijgen, en zoo de riem niet dadelijk uit de +dollen wordt gelicht, zullen deze noodwendig moeten breken. Daarom, +roeier, wanneer 't ongeluk van een snoek te vangen u overkomt, hef dan +dadelijk 't handvat van den riem met beide handen op, zoodat hij uit +de dollen gelicht wordt, en door den vaart over 't water langs den +achtersteven van de boot komt te glijden. Dadelijk daarna wordt 't blad +van den riem op 't water <span class="pagenum" title="73"> </span><a id="p_73"></a>rustende met eenige kracht naar achteren +geslingerd, en op deze wijze wordt het met leer bedekte gedeelte weer in +de dollen gebracht.</p> + +<p>Na de beginselen van 't roeien leert men met de boot te manoevreeren. +<ins class="corr" id="corr20" title="Bron: Plotsing">Plotseling</ins> kan zich iets voor den boeg opdoen, dat de stuurman +eerst laat ontdekt; dan is 't zaak de boot dadelijk tot stilstand te +brengen, ten einde eene botsing te voorkomen. Of men heeft zich in een +nauw vaarwater begeven, waarin 't wenden onmogelijk is, en de weg wordt +versperd. In het eerste geval moet men kunnen <i>stoppen</i>, in het tweede +<i>strijken</i>.</p> + +<p>Het stoppen geschiedt aldus: met gestrekte armen en 't lichaam iets +voorover gestrekt brenge men 't blad van den riem bijna horizontaal, +maar met de holle zijde iets naar den boeg gericht, in 't water, en +draaie dan langzamerhand den riem om, totdat de holle zijde geheel naar +den voorsteven gekeerd is. Daarbij zorge men echter niet op het handvat +van den riem te drukken, want daardoor wordt het boord naar beneden +gedrukt.</p> + +<p>De bewegingen van het strijken zijn juist de tegenovergestelde van die +van het ophalen of trekken. Achterover zittende brenge men den riem, met +de holle zijde van 't blad naar den boeg gekeerd, in 't water, strekke +de armen en bewege 't lichaam voorwaarts, zoodat het blad door 't water +geduwd wordt; na 't einde van den slag drukke men den riem iets neer +en draaie <span class="pagenum" title="74"> </span><a id="p_74"></a>hem plat, schere het blad over 't water door 't lichaam +achteruit te brengen en de handen tegen de borst te trekken, en <ins class="corr" id="corr21" title="Bron: begine">beginne</ins> +een nieuwen slag. Ook deze beweging geschiedt gelijkmatig, terwijl +slechts 't blad van den riem onder water mag gehouden worden. Bij 't +wenden, wanneer het ne boord ophaalt en het andere strijkt, moeten ook +de riemen gelijktijdig in 't water komen, en daarbij richten zich de +strijkende roeiers naar de trekkende.</p> + + +<h3> 3. <i>Nadere behandeling van sommige punten.</i></h3> + +<p>Wij stellen ons voor eenige momenten in de beweging van 't roeien +uitvoeriger te bespreken, enkele, omdat daaraan veel gewicht moet +gehecht worden, andere, omdat daarin de meeste fouten voorkomen, weer +andere, omdat daaromtrent de meeningen zeer uiteenloopen.</p> + +<p>De correcte uitvoering van de bewegingen is drom niet alleen +wenschelijk, omdat 't begaan van een fout ten gevolge heeft verspilling +van krachten of verkeerde krachtsaanwending, maar ook omdat n fout +gewoonlijk andere na zich sleept. Het scheef inzetten b.v. van het blad +van den riem maakt niet alleen dat het eerste deel van den slag verloren +gaat, maar bovendien wordt het lastiger den riem van uit de diepte weer +uit 't water te lichten, en dit belemmert de snelle voortwaartsche +beweging van 't <span class="pagenum" title="75"> </span><a id="p_75"></a>lichaam; de roeier komt daardoor uit de maat, en om +gelijk te blijven is hij genoodzaakt zijn lichaam minder voorover te +strekken en dus zijn slag korter te maken.</p> + +<p>Indien het blad van den riem niet gedurende den geheelen slag onder +water gehouden wordt, maar bij het einde half uit 't water gelicht, dan +zal niet alleen de op de boot werkende voortstuwende kracht verminderd +worden, maar bovendien door den minderen weerstand van 't water tegen +het blad, de slag spoediger geindigd zijn dan bij de andere roeiers +'t geval is, wanneer door allen dezelfde kracht wordt aangewend; zoo +zal dus ook hier de maat verbroken zijn, en de voorwaartsche beweging +langzamer moeten zijn om zich als 't ware te laten inhalen, en bij 't +begin van den slag weer gelijk te zijn.</p> + +<p>Vooral zullen eene massa fouten voortkomen uit het verkeerd gebruik +maken van de armen op het einde van den slag. Zooals men weet, moet op +het einde van den slag, wanneer het lichaam zijne achterwaartsche +beweging gemaakt heeft, de riem tot de borst worden doorgetrokken. Dit +geschiedt natuurlijk door de buiging der armen, maar daarom volstrekt +nog niet <i>door de samentrekking van den biceps</i>. Integendeel, de biceps +blijft nagenoeg werkeloos, en de beweging wordt uitgevoerd door de +spieren, die de schouderbladen verbinden met den bovenarm, en de +spieren, die aan de achterzijde van den bovenarm <span class="pagenum" title="76"> </span><a id="p_76"></a>liggen. Om zich een +denkbeeld te vormen van de werking dier spieren, stelle men zich voor +dat men met den elleboog een voorwerp achterwaarts duwt door den +bovenarm iets voorbij 't lichaam naar achteren te brengen, of dat men +een achter zich staanden persoon met den elleboog een stomp geeft. +Dezelfde spieren, die dan in werking komen, gebruikt men ook bij het +roeien, de bovenarmen worden aangehaald, totdat zij langs en evenwijdig +met 't lichaam komen te hangen, de benedenarmen dienen hierbij slechts +als eene verbinding van den riem met de bovenarmen; anders uitgedrukt, +de hoek bij den elleboog wordt eenvoudig gemaakt door den bovenarm +achterwaarts te trekken, niet door den benedenarm naar zich toe te +halen, hetgeen door den biceps geschiedt. (Zie fig. 7).</p> + +<div class="figcenter" style="width: 247px;"> +<img src="images/ill_p076.png" width="247" height="297" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 7.</div> +</div> + +<p>Buigt men de armen door de samentrekking van den biceps, dan moeten +noodzakelijk de ellebogen <span class="pagenum" title="77"> </span><a id="p_77"></a>zijwaarts opgeheven worden, want anders zou +de riem naar den hals en dus veel te hoog opgetrokken worden. Brengt men +daarentegen den riem naar 't lichaam door de werking van de spieren over +de schouderbladen en aan den achterkant van den bovenarm, dan komen de +armen langs het lichaam, met de ellebogen naar beneden gericht.</p> + +<p>Men behoeft dus niets anders te doen dan de armen langs het lichaam aan +te trekken, om de aangewezen spieren te laten werken, en een krachtig +einde van den slag te maken.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 264px;"> +<img src="images/ill_p077.png" width="264" height="276" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 8.</div> +</div> + +<p>Doet men dit niet, trekt men door de kracht van den biceps den riem +tot de borst, en houdt men bijgevolg de ellebogen zijwaarts opgeheven, +zooals in fig. 8 is afgebeeld, dan zal 't einde van den slag niet alleen +veel zwakker zijn, maar, en hiervan zijn wij uitgegaan, deze fout zal +talrijke andere fouten na zich slepen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="78"> </span><a id="p_78"></a></p> + +<p>In de eerste plaats zal de borst ingedrukt en de rug gekromd worden op +'t einde van den slag, juist op 't oogenblik dat de borst 't meest moet +gewelfd worden. Men kan zich hiervan gemakkelijk overtuigen door een +niet al te zwakken armstrong te nemen, dien met het ne einde ergens +aan te bevestigen, en met beide handen aan het andere einde den +armstrong uit te rekken door de armen, met de ellebogen zijwaarts +opgeheven, te buigen. Men zal dan duidelijk kunnen bemerken dat de borst +eene sterke neiging heeft zich in te trekken. Voert men echter dezelfde +beweging uit met omlaag gehouden ellebogen, dan zal de borst zich +gemakkelijk en als van zelf opheffen.</p> + +<p>Een tweede gevolg van de aangewezen fout is eene langzame en aarzelende +strekking van de armen na 't uit 't water halen van den riem. Wanneer +de armen zijwaarts worden gebogen, dan vormen zij bij den elleboog een +scherper hoek, dan wanneer ze langs het lijf worden aangetrokken; en +hoe meer de armen zijn gebogen, hoe scherper hoek zij dus maken, des +te moeilijker wordt ook de strekkende beweging. Deze zal dus langzamer +zijn, en om den verloren tijd in te halen moet de voorwaartsche beweging +in 't volgend oogenblik en op 't einde sneller zijn, waardoor schokken +gegeven worden en de beweging de vereischte gelijkmatigheid en +veerkracht verliest; of, en dit is even verkeerd, de armen worden niet +<span class="pagenum" title="79"> </span><a id="p_79"></a>in ns gestrekt, en daarna eerst 't lichaam voorover gebracht, maar +beide bewegingen beginnen gelijktijdig, zoodat het lichaam zich over +den riem heenbuigt; wij hebben boven aangeduid, waarom dit verkeerd is.</p> + +<hr /> + +<p>Eene andere fout die op 't einde van den slag bedreven wordt en zeer +veel voorkomt, is <i>dat de roeier het lichaam tegen den riem optrekt</i>, in +plaats van den riem tot de borst door te halen. Dat hierdoor de slag +aanmerkelijk korter wordt, springt in het oog, maar toch zal degene, die +die fout begaat, dit zelf niet zoo spoedig inzien. Hij vormt zich de +illusie een even langen slag te maken als de anderen, daar hij toch even +ver zijn lichaam vooruitstrekt en achteroverzwaait als dezen, en +verwondert zich dan, dat hij eerder „klaar“ is, maar bedenkt niet, dat +hij wel zijn lichaam evenver achterover zwaait, maar vrdat de slag nog +geindigd is, reeds weer aan den riem optrekt.</p> + +<p>Deze fout is gewoonlijk een gevolg van overhaasting, of, om 't zoo uit +te drukken, van de begeerte om zoo spoedig mogelijk weer een nieuwen +slag te beginnen.</p> + +<p>Een ander gevolg van die overhaasting is te groote inspanning van de +beenspieren, voornamelijk die naast het scheenbeen loopen, bij 't naar +voren komen. Hierboven is aangewezen in welke volgorde de bewegingen van +armen, bovenlijf en beenen moeten <span class="pagenum" title="80"> </span><a id="p_80"></a>uitgevoerd worden. Natuurlijk worden +ze niet elk afzonderlijk uitgevoerd, ze vloeien in elkaar, maar de ne +moet vr de andere <i>begonnen</i> worden. Hij die 't eerst of gelijktijdig +met de voorwaartsche beweging van 't bovenlijf zijne beenen aantrekt, +loopt kans deze laatste te overspannen.</p> + +<hr /> + +<p>Wij gaan nu over tot 't belangrijkste moment in de beweging van 't +roeien, tot 't <i>begin van den slag</i>. Het is best mogelijk dat iemand al +de opgenoemde vereischten voor een goeden stijl in zich vereenigt, dat +hij eene goede houding heeft, zijn riem op de juiste hoogte in 't water +houdt, de voorwaartsche beweging van 't lichaam correct uitvoert, en dat +hij toch als roeier weinig beteekent, omdat hij in 't begin van den slag +geen kracht zet, en, om zoo te zeggen, den riem een eind door 't water +laat drijven, vrdat hij er aan begint te trekken. Hij heeft de +hoedanigheid verkregen om zijne krachten op de meest spaarzame wijze te +gebruiken, en zoo weinig mogelijk te verspillen, maar hij wendt ze niet +op het juiste oogenblik aan.</p> + +<p>Het is daarom van het hoogste gewicht dat men al dadelijk leert op +hetzelfde oogenblik, dat 't blad in het water komt, zijne volle kracht +aan den riem te brengen. Men moet doen, alsof, zoodra 't blad in 't +water komt, 't bankje van onder zich verdwijnt, en de eenige steunpunten +voor 't lichaam zijn <span class="pagenum" title="81"> </span><a id="p_81"></a>'t spoorplankje en 't handvat van den riem, aan +welk laatste men blijft hangen. Die juiste en bliksemsnelle +krachtsaanwending wordt door de Engelschen van zveel gewicht geacht, +dat zij legio termen hebben om het denkbeeld uit te drukken: „<i xml:lang="en">Catch the +water, do all the work at the beginning, lift at the <ins class="corr" id="corr22" title="Bron: beginniug">beginning</ins></i>“, en +nog verscheidene andere. Dus tegelijk dat de voorwaartsche beweging +is geindigd, worden de handen iets opgelicht, zoodat de riem den +vereischten steun in 't water heeft, en men hangt dan aan den riem en +drukt de voeten stevig tegen den spoorplank.</p> + +<p>De reden waarom juist in 't begin van den slag de volle kracht gebruikt +moet worden, is deze: na afloop van elken slag vermindert telkens de +vaart van de boot, omdat elk licht vaartuig weinig vaart houdt zoodra de +voortstuwende kracht opgehouden heeft te werken, en bovendien omdat door +de voorwaartsche beweging van de lichamen of liever door de drukking van +den riem op den strijkdol de gang gestremd wordt. Dus telkens wanneer +men een slag begint, heeft de boot zijne minste vaart; op dat oogenblik +heeft men den meesten „vat“ op 't water. Brengt men eerst later zijne +volle kracht in werking, dan is een sneller achterwaartsche beweging +van 't lichaam noodig om een even krachtigen druk op 't water uit te +oefenen.</p> + +<p>Daarom, maak gebruik van 't oogenblik waarop <span class="pagenum" title="82"> </span><a id="p_82"></a>gij den meesten steun in +'t water hebt, waarop gij door een betrekkelijk langzame beweging groote +kracht kunt uitoefenen.</p> + +<p>Het vereischt eene ernstige oefening om op 't juiste oogenblik op ns +zijne volle kracht aan te wenden, zonder toch een ruk te geven.</p> + +<p>Velerlei zijn daarom de fouten, die omtrent dit punt worden +aangetroffen. Er zijn er, die, zooals wij reeds aanmerkten, eerst nadat +de riem eenigen tijd in 't water is, hunne volle kracht gebruiken.</p> + +<p>Anderen beginnen den slag goed, verslappen echter spoedig en eindigen +zwak.</p> + +<p>Weer anderen pakken 't water goed, rusten in 't midden van den slag wat +uit, en geven aan 't eind nog een flinken ruk.</p> + +<p>Al deze manieren hebben 't groote gebrek dat zij geen volledig gebruik +maken van den kostbaren tijd, dat de riem in 't water is, en de laatste +methode nog bovendien dit, dat er rukken gegeven worden. Laat de roeier +toch begrijpen dat door rukken geen resultaat verkregen wordt evenredig +aan de krachtsinspanning. Bovenal zij hem op het hart gedrukt, om +gelijkmatig den riem door 't water te halen, in 't begin van den slag +reeds met volle kracht, maar zooveel mogelijk tot 't laatste toe die +krachtsuitoefening voort te zetten.</p> + +<hr class="hr20" /> + +<p><span class="pagenum" title="83"> </span><a id="p_83"></a></p> + +<p><i>De wijze waarop de roeier van zijn <span xml:lang="en">sliding-seat</span> moet gebruik maken.</i></p> + +<p>Wij hebben reeds in de <a href="#p_69">vorige </a> aangewezen op welke wijze men na +volbrachten slag 't handvat van den riem weer vooruit brengt om een +nieuwen slag te beginnen, en daarbij als eene zaak van veel gewicht +er op aangedrongen, dat de handen dadelijk en met vlugheid voor zich +uitgeworpen worden, en eerst daarna de zwaai van 't lichaam en de +voorwaartsche beweging van 't glijbankje moeten volgen, en wel in de +volgorde waarin wij ze opnoemen om deze reden, dat het lichaam zoodra +het den steun van den riem moet missen, zoo spoedig mogelijk van zijne +achteroverliggende houding opgeheven moet worden, daar deze houding eene +vrij groote inspanning van de buikspieren vordert.</p> + +<p>Maar nu de trek, de eigenlijke slag: hoe moeten daarbij de bewegingen +van 't lichaam en van de <span xml:lang="en">sliding-seat</span> ten opzichte van elkander zijn? +De armen kunnen wij hier buiten rekening laten, daar, zooals wij gezien +hebben, deze eerst gebogen worden op 't einde van den slag, wanneer +de overige deelen van 't lichaam hunne functin verricht hebben.</p> + +<p>We hebben dus alleen te maken met den zwaai van 't lichaam en met het +strekken der beenen.</p> + +<p>Daar de spieren der beenen de sterkste zijn van 't lichaam, zal de +roeier er allicht toe komen, om bij 't begin van den slag de beenen in +ns en met <span class="pagenum" title="84"> </span><a id="p_84"></a>kracht te strekken, terwijl 't bovenlijf voorover gebogen +blijft, totdat 't bankje geheel naar achteren is gebracht, op welk +oogenblik eerst de zwaai begint.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 622px;"> +<img src="images/ill_p084.png" width="622" height="187" alt="" /> +<div class="caption">Fig 9.</div> +</div> + +<p>Deze manier heeft deze twee fouten:</p> + +<p>1. Wordt gedurende een groot deel van den slag 't lichaam in +voorovergestrekte houding gelaten, in welke de spieren van den rug +met meer moeite den last zullen dragen dan wanneer 't lichaam wat +achterover gestrekt was. Zelfs zal het dikwijls voorkomen, dat bij +zulke plotselinge strekking der beenen, 't bovenlijf niet in staat is +te volgen, maar als 't ware achterblijft, dat tengevolge daarvan de +schouders naar voren komen en de rug gekromd wordt, dat dus de geheele +houding van den roeier bedorven wordt.</p> + +<p>2. Ook dan, wanneer de goede houding bewaard blijft, werkt de +langdurige vooroverliggende positie de vrije ademhaling tegen.</p> + +<p><em class="g" xml:lang="de">Victor Silberer</em> in zijn „<i xml:lang="de">Handbuch des Rudersport</i>“ is daarom eene +andere methode toegedaan: „eerst het bovenlijf achterover zwaaien, en +dan eerst de <span class="pagenum" title="85"> </span><a id="p_85"></a>beenen strekken.“ Dus de beenen worden gedurende het +eerste gedeelte van den slag in dezelfde stelling gehouden, de +<ins class="corr" id="corr23" title="Bron: slidingseat" xml:lang="en">sliding-seat</ins> blijft op dezelfde plaats totdat het +lichaam achterover gezwaaid is, waarna eerst de beenen gestrekt worden.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 630px;"> +<img src="images/ill_p085.png" width="630" height="191" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 10.</div> +</div> + +<p>Ook deze methode heeft, naar onze meening hare gebreken, waardoor zij +niet aanbevelenswaardig wordt.</p> + +<p>1. Zal de „<span xml:lang="en">catch</span>,“ 't begin van den slag, bij deze methode, niet z +flink, niet z krachtig zijn als 't behoort. Met opgetrokken, sterk +gebogen beenen kunnen de spieren van den rug niet zoo krachtig werken +als na eenige strekking. En in die onnatuurlijke houding met opgetrokken +knien wil men hebben, niet alleen dat 't lichaam gedurende eenigen tijd +blijft, maar ook dat bovenlijf zijne geheele functie zal verrichten, +totdat het zijne uiterste achteroverhangende stelling heeft ingenomen.</p> + +<p>2. Doet zich dit bezwaar voor, dat de beenspieren, de sterkste van het +lichaam, gedurende een kort gedeelte van den slag, en nog wel op 't +einde, wanneer de boot reeds weer vaart heeft, het bankje <span class="pagenum" title="86"> </span><a id="p_86"></a>met snelheid +achteruit stooten, hetgeen allicht de boot doet schokken.</p> + +<p>Bij de eerste methode bestond dit bezwaar niet, daar in 't begin van den +slag de riem den grootsten weerstand ondervindt, en dus, hoe energiek de +beenen ook werken, het bankje niet met z groote snelheid achteruit +geschoven kan worden.</p> + +<p>Beide genoemde stelsels zijn uitersten; naar onze meening moet er eene +transactie gesloten worden om de ware methode te verkrijgen.</p> + +<p>Zoodra de slag wordt aangevangen, strekken zich de beenen niet in ns, +noch zwaait 't bovenlijf achterover terwijl de knien opgetrokken +blijven, maar beide bewegingen geschieden gelijktijdig: het bankje wordt +langzamerhand achteruit geduwd, terwijl het lichaam zijn +achterwaartschen zwaai maakt.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 602px;"> +<img src="images/ill_p086.png" width="602" height="188" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 11.</div> +</div> + +<p>In dit stelsel wordt het lichaam niet gedwongen gedurende een groot +deel van den slag in onnatuurlijke houding te blijven, daar door eene +kleine strekking van de beenen de rugspieren al dadelijk gemakkelijker +kunnen werken, de sterke beenspieren <span class="pagenum" title="87"> </span><a id="p_87"></a>werken mede tot een krachtig +begin van den slag, terwijl aan den anderen kant ook eene langdurige +voorovergestrekte houding van het bovenlijf vermeden is. Ook wordt de +gelijkmatigheid, waarmee de riem door 't water gehaald wordt, door deze +methode zeer bevorderd.</p> + +<hr /> + +<p>Een andere kwestie van belang, waarover de meeningen nog al +uiteenloopen, is <i>de mate van snelheid waarmee de riem naar voren +gebracht moet worden na 't eindigen van elken slag</i>.</p> + +<p>Het beginsel waarvan men uitgaat, is om zoo weinig mogelijk tijd te +verliezen. Elk overtollig oogenblik dat de riem boven water doorbrengt +na elken slag, heeft ten gevolge tijdverlies, en maakt dus den tijd +waarin de baan afgelegd wordt langer. Vandaar dan ook, dat de riem geen +oogenblik stil mag zijn, noch na 't einde van den slag, wanneer hij uit +'t water gehaald is, noch vr 't begin van den slag na zijne vlucht +over 't water. Wanneer de riem slechts +<span class="fraction"><span class="above">1</span>/<span class="below">10</span></span> +seconde stil ligt b.v. na 't einde van elken slag, dan blijft hij in n minuut, wanneer 40 slagen in +de minuut gemaakt worden, reeds 4 seconden werkeloos. Zoo krijgt men een +denkbeeld van 't kolossale tijdverlies, dat op de geheele baan wordt +geleden.</p> + +<p>Dus in geen geval stilstand van den riem. Maar <span class="pagenum" title="88"> </span><a id="p_88"></a>nu welke mate van +snelheid? Wanneer men alleen rekening hield met het zooeven genoemd +beginsel, dan zou het wenschelijk zijn om <i>zoo snel mogelijk</i> naar voren +te komen, omdat men dan zoo weinig mogelijk tijd verliest.</p> + +<p>Er zijn echter ook andere factoren van de snelheid van de boot, waarmee +men rekening moet houden.</p> + +<p>1. Zooals wij reeds ter andere plaatse hebben gezegd, verliest de boot +na 't einde van elken slag door de voorwaartsche beweging van 't lichaam +telkens een deel van hare snelheid. Hoe sneller nu de voorwaartsche +beweging van 't lichaam is, hoe grooter de kracht waarmee de gang van de +boot gestremd wordt.</p> + +<p>2. Vordert 't naar voren brengen van 't lichaam eene groote inspanning +vooral van de buikspieren. Wordt nu deze beweging zoo snel mogelijk +gemaakt, dan worden genoemde spieren overmatig ingespannen, en daardoor +de energie, de veerkracht van 't lichaam uitgeput, want men moet wel +bedenken dat te groote inspanning van sommige spieren terugwerkt op alle +deelen van 't lichaam.</p> + +<p>Zoo moet dus ook alweer hier een middenweg hem trachten te vinden +door de praktijk, waarbij men zich zal kunnen laten leiden door twee +hoofdbeginselen van het roeien: 1. Nooit mag de beweging met schokken +geschieden, 2. Geen deel van 't <span class="pagenum" title="89"> </span><a id="p_89"></a>lichaam mag bovenmatig en buiten +evenredigheid met de andere deelen ingespannen worden.</p> + +<hr /> + +<p>Wanneer iemand begint te leeren roeien, zal de gedurige aanmaning van +zijn leermeester zijn: „<i>flink naar voren komen en goed naar achteren +vallen!</i>“ Hoewel wij deze methode van leeren geenszins afkeuren, omdat +de leerling steeds eene sterke neiging gevoelt om rechtop te blijven +zitten, en slechts met de armen te werken, zoodat hij vroegtijdig moet +gedwongen worden zijn bovenlijf te gebruiken, zoo zal men toch in de +meeste gevallen zien dat hij na deze aanmaning in zijn ijver veel te ver +achterover zwaait, en soms ook de voorover strekkende beweging +overdrijft.</p> + +<p><i>Tot hoever moet hij nu deze bewegingen uitstrekken?</i></p> + +<p>In eene boot met vaste dollen zal de voorwaartsche strekking van het +lichaam van zelf hare grens vinden in het gevaar dat de riem tusschen de +dollen bekneld raakt. Men zorge dan steeds zoover naar voren te komen +als maar mogelijk is, zonder in 't begin van den slag met den voorkant +van den riem tegen den strijkdol aan te komen. Het is echter ook +mogelijk, dat in eene boot de dollen te ver van elkaar verwijderd zijn; +in dit geval en wanneer er draaiende gekozen worden, eene verzoening +gezocht tusschen twee tegenstrijdige beginsels. In theorie is het +moeilijk te zeggen, welke die middenweg is. Men moet <span class="pagenum" title="90"> </span><a id="p_90"></a>zich wachten voor +overdrijving van de voorwaartsche beweging. De strekking mag niet +ontaarden in eene vooroverbuiging, zoodat de rug gekromd, de schouders +vooruitgebracht, de borst bekneld wordt. Wij hebben het reeds meer +gezegd, men moet zijn lichaam geen geweld aandoen. Het voordeel van een +langeren slag weegt dan niet op tegen de groote inspanning om in die +houding den riem met kracht door 't water te halen.</p> + +<p>Ook het achterovervallen mag niet reiken over een zeker punt, van waar +de roeier zich weer gemakkelijk kan oprichten. Gaat men verder, dan +zal de lengte van den slag daardoor winnen, maar het hieruit verkregen +voordeel ook alweer niet in evenredigheid zijn met de vermeerdering van +inspanning der buik- en lendespieren, die het lichaam weer moeten +opheffen.</p> + +<p>Vaste regels zijn hier echter niet voor te geven; sommige roeiers zullen +meer naar voren komen, anderen meer achterover vallen, weer anderen +beide bewegingen in meerdere mate uitvoeren. Dit hangt dan grootendeels +af van de gewoonte en van de oefening, waardoor zich sommige spieren +meer ontwikkelen dan andere. Maar in elk geval wake men tegen +overdrijving.</p> + +<p>In nauw verband met het juist gezegde staat <i>het aantal slagen</i> door +eene ploeg in de minuut gemaakt.</p> + +<p>Dikwijls ziet men op wedstrijden of ook wel wanneer als oefening op tijd +wordt geroeid, de toeschouwers <span class="pagenum" title="91"> </span><a id="p_91"></a>angstvallig letten op het aantal slagen +in de minuut, en dan hoort men ook veelal uit het grootere of kleinere +aantal conclusies maken ten nadeele of ten gunste van de ploeg.</p> + +<p>Meestal zijn die conclusies geheel ongemotiveerd; men kan in 't algemeen +uit het aantal slagen geen gevolgtrekking maken over de kwaliteit van +den roeier. Natuurlijk moet een zoogenaamde „<i>ratelslag</i>“ evenals een +luie „<i>zeurslag</i>“ geen hoogen dunk geven van den roeier; dit ligt aan +een gebrek in den stijl, hetzij aan overhaasting, hetzij aan +langzaamheid, gemis aan veerkracht in de bewegingen. Maar het is zeer +goed mogelijk dat eene bepaalde ploeg in eene zekere boot met 36 slagen +in de minuut sneller roeit, dan met 38 slagen, als ook andersom.</p> + +<p>Daarom is het zoo verkeerd, dat een trainer vooraf bepaalt met hoeveel +slagen zijne ploeg moet roeien, en aanmerking maakt, wanneer ze een +kalmer, langer slag aanneemt. Dit kan hij eerst beoordeelen, wanneer hij +zijne ploeg goed kent, en zelfs door proeven eene zekere ondervinding +omtrent haar heeft opgedaan.</p> + +<hr /> + +<p>Wij laten hier nog volgen eenige regels voorgeschreven door den +schrijver van „<i xml:lang="en">The principles of Rowing and Steering</i>“, en eenige door +hem aangewezen meest voorkomende fouten.</p> + +<p xml:lang="en">„The requisites for a perfect stroke are:</p> + +<p xml:lang="en">1. Taking the whole reach forward, and falling <span class="pagenum" title="92"> </span><a id="p_92"></a>back gradually a little +past the perpendicular, preserving the shoulders throughout square, and +the chest developed at the end.</p> + +<p xml:lang="en">2<ins class="corr" id="corr24" title="Bron: ,">.</ins> Catching the water and beginning the stroke with a full +tension on the arms at the instant of contact.</p> + +<p xml:lang="en">3. A horizontal and dashing pull through the water immediately the +blade is covered, without deepening in the space subsequently traversed.</p> + +<p xml:lang="en">4. Rapid recovery after feathering by an elastic motion of the body +from the hips, the arms being thrown forward perfectly straight, +simultaneously with the body, and the forward motion of each ceasing at +the same time.<a id="FNa_3" href="#FN_3" class="fnanchor"><sup>3</sup>)</a></p> + +<p xml:lang="en">5. Lastly, equability in all the actions, preserving full strength +without harsh, jerking, isolated, and uncompensated movements in any +single part of the frame.</p> + +<p xml:lang="en">Faults in rowing.—The above laws are sinned against when the rower</p> + +<p xml:lang="en">1. Does not straighten both arms before him.</p> + +<p xml:lang="en">2. Catches the water with unstraightened arms or arm, and a slackened +tension as its consequence; thus time may be kept, but not stroke; +keeping stroke always implying uniformity of work.</p> + +<p xml:lang="en">3. Rows round and deep in the middle, with hands high and blade still +sunken after the first contact.</p> + +<p><span class="pagenum" title="93"> </span><a id="p_93"></a></p> + +<p xml:lang="en">4. Keeps one shoulder higher than the other.</p> + +<p xml:lang="en">5. Doubles forward and bends over the oar at the feather, bringing the +body up to the handle and not the handle up to the body.</p> + +<p xml:lang="en">6. Strikes the water at an obtuse angle, or rows the first part in the +air.</p> + +<p xml:lang="en">7. Shivers out the feather, commencing it too soon and bringing the +blade into a plane with the water while work may yet be done; thus the +oar may leave the water in perfect time, but stroke is not kept. This +and N<sup>o</sup>. 2 are the most subtle faults in rowing, and involve the +science of shirking.</p> + +<p xml:lang="en">8. Rolls backward, with an inclination towards the inside or outside of +the boat.</p> + +<p xml:lang="en">9. Turns his elbows at the feather instead of bringing them sharp past +the flanks.</p> + +<p xml:lang="en">10. Throws up water instead of turning it well aft off the lower angle +of the blade. A wave thus created is extremely annoying to the oar +further aft; there should be no wave travelling astern, but an eddy +containing two small circling swirls.“</p> + +<hr class="fnsep" /> + +<div class="footnote"><p><a id="FN_3" href="#FNa_3" class="label"><sup>3</sup>)</a> Wij +hebben hierboven in dit hoofdstuk eene andere meening verdedigd.</p> +</div> + +<h3> 4. <i>Het scullen.</i></h3> + +<p>Men zorge er voor, alvorens in eene <span xml:lang="en">sculling</span>boot plaats te nemen, +het roeien met n riem in den grond te kennen. En dan nog is het den +beginner geraden in eene zware boot met vaste banken te <span class="pagenum" title="94"> </span><a id="p_94"></a>beginnen, daar +men in eene lichte raceboot reeds aan het bewaren van het evenwicht +zoozeer zijn aandacht moet wijden, dat de beweging zelve er door op den +achtergrond zou geraken.</p> + +<p>Het is ook wenschelijk dat het materiaal vooraf door een ervaren <span xml:lang="en">sculler</span> +worde nagezien, want hetgeen bij het roeien in 't algemeen over 't +aanleeren van fouten door slecht materiaal gezegd is (bv. verkeerde +stand van de dollen, van het stootleer, enz.) geldt in nog grooter +mate bij het scullen. Men lette hierbij vooral op de voldoende ruimte +tusschen de dollen, want, daar de hefboom van een <span xml:lang="en">scull</span> korter is dan +van een riem, is de hoek door een <span xml:lang="en">scull</span> met de dollen gevormd, ook +scherper, waaruit volgt, dat de dollen verder van elkander moeten staan, +zal de <span xml:lang="en">scull</span> niet er tusschen bekneld raken.</p> + +<p>De vereischten voor een goeden stijl in het scullen zijn dezelfde als +bij het roeien met n riem. Door de hanteering van twee riemen wordt +de beweging echter van zelf iets gewijzigd, want men wordt nu niet meer +gedwongen met de eene hand verder te reiken dan met de andere, en zoo +ook worden beide handen op 't einde van den slag even ver naar zich toe +getrokken.</p> + +<p>Een punt van onderscheid maakt de lengte van den slag uit. In eene +<span xml:lang="en">sculling</span>boot kan en moet de slag langer zijn dan in eene andere.</p> + +<p>Bij de voorwaartsche beweging reeds kan de <span xml:lang="en">sculler</span> <span class="pagenum" title="95"> </span><a id="p_95"></a>iets verder reiken, +daar hij zijne armen naar beide zijden voor zich uitspreidt, zoodat het +lichaam recht voorover gestrekt kan blijven, terwijl de roeier, wil hij +zich zoover mogelijk naar voren strekken, in dat geval genoodzaakt is +zijn lichaam naar binnen te buigen en dan nog zijne armen niet recht +voor de borst heeft.</p> + +<p>Maar het is vooral in de achterwaartsche zwaai dat de <span xml:lang="en">sculler</span> zijn slag +veel langer kan maken.</p> + +<p>Zoo de roeier zich te veel achterover geeft, zal het einde van den slag +zeer zwak zijn, want de hefboom van zijn riem wijst naar zijn borst, en +moet dus naar den binnenkant van zijn lichaam getrokken worden. Want +indien het binneneinde van den riem z lang was, dat het handvat naar +zijne borst getrokken kon worden, ook al was hij evenmin achterover +gezwaaid, dan zouden al weder zijne armen buiten de richting van het +lichaam vallen op het oogenblik, dat de riem een rechten hoek met het +boord vormt, juist op het punt waarop de uitwerking van de ingespannen +kracht het grootst is. Bij den <span xml:lang="en">sculler</span> daarentegen snijden de rechts en +links werkende krachten elkaar in het middenpunt der breedte van de +boot, zoodat het lichaam steeds in de richting der kiel kan blijven +werken, ook al is het nog zoo ver achterover gestrekt.</p> + +<p>Eene zaak van gewicht is nog deze:</p> + +<p>Bij het scullen is het nog meer noodig dan bij 't gewone roeien, dat +de armen na het einde van <span class="pagenum" title="96"> </span><a id="p_96"></a>den slag in eens gestrekt worden; de handen +moeten bliksemsnel naar voren worden geworpen om eene aanraking met de +knien te voorkomen; voor deze aanraking bestaat nl. bij het scullen +meer gevaar, daar de handen, niet op gelijke hoogte, maar de een boven +de andere over de knien worden gebracht.</p> + +<p>Deze beweging, juist uitgevoerd, zal de schouders terugbuigen en de +vrije ademhaling bevorderen.</p> + +<p><em class="g" xml:lang="en">Walter Bradford Woodgate</em> geeft nog eene andere afwijking aan van de +regels gegeven voor 't gewone roeien.</p> + +<p>Hij zegt nl. dat een <span xml:lang="en">sculler</span> op 't einde van den slag niet de <span xml:lang="en">sculls</span> +naar zijn lichaam moet trekken, maar 't lichaam aan de <span xml:lang="en">sculls</span> optrekken, +dus juist iets doen wat bij 't roeien met n riem streng verboden is.</p> + +<p>Als redenen voor deze afwijking worden opgegeven de volgende argumenten:</p> + +<p>1. Bij het scullen wordt een langer slag gemaakt, het bovenlijf wordt +verder achterover gezwaaid, zoodat een extra kracht noodig is om het +weer op te heffen. De buik- en lendespieren zullen dus overmatig worden +ingespannen, zoo zij niet ondersteund worden, doordat 't lichaam aan de +riemen wordt opgetrokken.</p> + +<p>2. Het gewicht van het bovenlijf wordt, zoodra de <span xml:lang="en">sculls</span> 't water +verlaten hebben, op de lendenen overgebracht. Is nu het lichaam op dat +oogenblik ver achterover gestrekt, dan zal het gewicht rusten op het +voorste gedeelte van de boot, waardoor de <span class="pagenum" title="97"> </span><a id="p_97"></a>boeg „<i>dompt</i>,“ 't geen de +vaart vermindert. Trekt men echter 't lichaam aan de riemen op, dan zal +het gewicht eerst op de boot drukken wanneer 't lichaam weer een eind +voorwaarts is opgeheven, en dus niet meer zoover achterover ligt, zoodat +het gewicht niet zoover vr in de boot komt.</p> + +<p>Niettegenstaande onze achting voor de kundigheden van den bekenden +engelschen schrijver over de theorie van 't roeien, kunnen wij ons toch +geenszins vereenigen met de door hem voorgestane meening.</p> + +<p>Onzes inziens is zijn betoog niets anders dan eene cirkelredeneering.</p> + +<p>Zij komt hierop neer: de <span xml:lang="en">sculler</span> moet verder achterover zwaaien dan de +roeier aan n riem; hieruit zullen twee gevolgen voortkomen:</p> + +<p>1. Wordt grooter krachtsinspanning vereischt om 't lichaam weer naar +voren te zwaaien, 2. 't gewicht wordt na 't einde van den slag, zoodra +de riemen uit 't water gelicht worden, meer naar 't voorste gedeelte van +de boot verplaatst, waardoor de boeg zal dompen.</p> + +<p>Om nu deze beide nadeelige gevolgen te voorkomen, moet dienen de +aanbevolen beweging, waarbij 't lichaam door de kracht van de armen aan +de riemen wordt opgeheven, want zoo zal men de voorwaartsche zwaai +vergemakkelijken, en dus krachten besparen, en tevens 't dompen der boot +voorkomen.</p> + +<p>Volkomen waar; maar men vergeet dan, dat dit <span class="pagenum" title="98"> </span><a id="p_98"></a>alles geschiedt ten +koste van de lengte van den slag, want stel dat de <span xml:lang="en">sculler</span> zijn +achterwaartsche zwaai maakt totdat zijn lichaam den stand heeft van +<i>a c</i> op hierbovenstaand figuur, maar hij trekt zich op 't einde van den +slag aan de riemen op, z dat op 't oogenblik dat zijne handen bij +zijne borst komen, 't lichaam den stand <i>a b</i> heeft, dan wordt de slag +niet doorgetrokken tot punt <i>e</i>, maar tot punt <i>d</i>.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 273px;"> +<img src="images/ill_p098.png" width="273" height="188" alt="" /> +<div class="caption">Fig. 12.</div> +</div> + +<p>En waartoe dient nu de achterwaartsche zwaai tot <i>a c</i>, wanneer +de slag er toch niet langer door wordt, dan wanneer de zwaai gegaan was tot +<i>a b</i>? Immers nergens voor; want, hetzij men zich achterover geeft tot +<i>a c</i>, maar zich weer optrekt tot <i>a b</i>, hetzij men eenvoudig slechts tot +<i>a b</i> achterover zwaait, in beide gevallen zal 't gewicht even ver naar +voren in de boot verplaatst worden, en ook zullen in beide gevallen de +buik- en lendespieren de voorwaartsche beweging moeten volbrengen van af +<i>a b</i>.</p> + +<p>De redeneering van <em class="g" xml:lang="en">Woodgate</em> loopt dus in dezen cirkel:</p> + +<p><span class="pagenum" title="99"> </span><a id="p_99"></a></p> + +<p>De slag moet langer gemaakt worden van <i>d</i> tot <i>e</i>, maar om de daaruit +voortvloeiende nadeelen te niet te doen, geeft hij middelen aan de hand +waardoor de slag weer ingekort wordt tot <i>d</i>.</p> + +<p>Is het dan niet eenvoudiger en drom beter, omdat de verdere zwaai +achterover bespaard wordt, om slechts tot <i>a b</i> achterover te vallen?</p> + +<p>Onze conclusie is dus deze: men moet zver het lichaam achterover +zwaaien, dat de voordeelen van de meerdere lengte van den slag de +nadeelen daaruit voortvloeiende nog overtreffen, en niet aan de nadeelen +trachten te ontkomen door middelen die den slag feitelijk korter maken; +want dit is met een omweg naar 't doel streven.</p> + +<hr /> + +<p>Er doen zich bij het scullen nog eenige eigenaardige moeilijkheden voor, +waarmede beginners soms zwaar te kampen hebben.</p> + +<p>1. De <span xml:lang="en">sculls</span> loopen over een afstand van 5 6 cM. over elkaar heen, +waardoor het in 't begin moeilijk is het tegen elkaar stooten der handen +te vermijden. De eene hand moet dus hooger dan de andere gehouden +worden; het is geheel onverschillig welke hand men boven, welke onderaan +houdt. Maar men werpe ze toch tegelijk naar voren, zoodat de <span xml:lang="en">sculls</span> +tegelijk in 't water komen, en het ook tegelijk weer verlaten.</p> + +<p><span class="pagenum" title="100"> </span><a id="p_100"></a></p> + +<p>Om het afglijden der handen te verhinderen, legge men het bovenlid van +den duim tegen het uiteinde van de <span xml:lang="en">scull</span> aan.</p> + +<p>2. Door de geringe breedte zal de boot spoedig aan 't „<i>rollen</i>“ gaan, +en de <span xml:lang="en">sculler</span> zal dit trachten te verhinderen door bij het scheren de +bladen der <span xml:lang="en">sculls</span> over 't water te laten gaan. Dit nu is verkeerd. Bij +'t einde van den slag moet hij de <span xml:lang="en">sculls</span> flink uit het water lichten en +ze naar achteren brengen zonder de oppervlakte van 't water te raken.</p> + +<p>Dit is echter niet gemakkelijk, en eerst na oefening zal men zijn +evenwicht leeren bewaren.</p> + +<p>Dikwijls wordt in het handvat van de <span xml:lang="en">scull</span> een of twee ons lood gegoten +om op het vereischte oogenblik gemakkelijker het blad uit het water te +kunnen lichten en terug te brengen, zonder de oppervlakte van het water +aan te raken.</p> + +<p>3. Eene kunst die de <span xml:lang="en">sculler</span> ook noodzakelijk moet leeren, is: zijn +vaartuig <i>in den koers te houden</i>. In 't eerst zal hij daartoe telkens +omzien, en zoodoende alras de handigheid verkrijgen om <i>alleen het +hoofd</i> om te wenden, zonder daarbij met roeien op te houden. Op wateren +waar weinig of geen scheepvaart is, zal men dikwijls kunnen volstaan met +de oogen steeds op den achtersteven gericht te houden, nadat men dezen +eenmaal in de gewenschte richting heeft gebracht. Elke afwijking zal +terstond in het kielwater zichtbaar worden. Bovendien heeft het +<span class="pagenum" title="101"> </span><a id="p_101"></a>gadeslaan van den achtersteven dit voordeel in, dat de <span xml:lang="en">sculler</span> steeds +'t werk zijner handen zal kunnen nagaan.</p> + +<p>De stuurtoestellen verlichten 't werk zeer, als het noodig is de boot +weer in de vereischte richting te brengen, maar toch is het beter eerst +eenigen tijd dit toestel <i>niet</i> te gebruiken. Het gemak, waarmee men +door een lichten druk van den voet eene afwijking der boot herstelt, +verleidt den <span xml:lang="en">sculler</span> allicht om de gelijkelijke arbeid der handen te +veronachtzamen, en telkens zijn toevlucht te nemen tot 't stuurtoestel. +Het roer nu vertraagt den gang der boot door den tegenstand van 't +water. Hoe minder het dus gebruikt wordt, hoe beter.</p> + +<p>Zijn alle moeilijkheden overwonnen en heeft men zich een goeden stijl +als <span xml:lang="en">sculler</span> eigen gemaakt, zoo kan men zich vleien met het bewustzijn +een hoogen trap van volmaaktheid in de schoone roeikunst bereikt te +hebben.</p> + +<div class="figcenter2" style="width: 71px;"> +<img src="images/deco5.png" width="71" height="47" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="102"> </span><a id="p_102"></a></p> + +<div class="figcenter2" style="width: 463px;"> +<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<h2><a id="IV"></a>VIERDE HOOFDSTUK.</h2> + +<hr class="chbegin" /> + +<p class="subh2">HET STUREN EN DE STUURMAN +(<i xml:lang="en">coxswain</i>, <i xml:lang="fr">barreur</i>, <i xml:lang="de">Steuermann</i>).</p> + +<div><img class="cap" src="images/cap_e.png" width="73" height="116" alt="" /></div> + +<p class="drop">Evenals men den roeiliefhebber toeroept: „leer zwemmen vrdat gij in de +boot plaats neemt,“ raden wij den aanstaanden <i>stuurman</i> aan om te +leeren roeien alvorens de stuurlijnen ter hand te nemen.</p> + +<p>Dikwijls komt het voor, dat iemand, door liefde tot de stuurmanskunst +aangetrokken, lid eener roeivereeniging wordt en dan maar terstond als +stuurman in eene boot plaats neemt zonder zich de moeite te willen +getroosten eerst te leeren roeien; immers, aldus redeneert hij, roeien +en sturen zijn geheel verschillende kunsten en hebben niets met elkaar +gemeen.</p> + +<p>Wij behoeven zeker niet te zeggen, welke gevaren een ploeg, door zulk +een stuurman gestuurd, bedreigen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="103"> </span><a id="p_103"></a></p> + +<p>Daar zit hij dan op den stuurbank in eene gedwongene houding, onbekend +met de kommando's, bij elken slag met het bovenlijf naar voren +slingerende, dan naar bakboord dan weer naar stuurboord glijdende, bij +de minste afwijking van den boeg z hevig aan een der stuurlijnen +trekkend, dat de boot plotseling veel te ver naar de andere zijde +vliegt, en bij het minste gevaar aarzelend en gereed om de stuurlijnen +te laten glippen.</p> + +<p>Neen, eerst leeren roeien en dan sturen zij ieder aangeraden.</p> + +<p>Een roeier zal, wanneer hij op den stuurbank plaats neemt, zijn +bovenlijf recht gestrekt houden en zorgen dat de boot niet naar ne +zijde overhelt, daar hij als roeier geleerd heeft hoe lastig dit voor de +roeiers is. Hij zal een vast punt in de verte in het oog houden en +daarop steeds aansturen, daar hij als roeier heeft ondervonden, hoe het +zigzag sturen de roeiers afmat en den gang der boot vertraagt. Hij zal +de stuurlijnen steeds gestrekt houden, daar hij hierdoor alleen de boot +haren rechten koers zal kunnen doen behouden.</p> + +<p>Verder moet de stuurman zijne beenen als een Turk gekruist houden en de +knien zoover mogelijk uitgespreid. Tevens zal hij zooveel mogelijk +onbeweeglijk zitten en niet elke beweging der boot volgen; dat hij bij +elken slag door de meegevende beweging van het bovenlijf de snelheid der +boot zou <span class="pagenum" title="104"> </span><a id="p_104"></a>bevorderen, is louter fictie; immers zal hij bij het einde van +den slag dezelfde beweging weer achterwaarts moeten maken om zijne +gewone positie te herkrijgen en dus daarbij ook de snelheid der boot +weer verminderen. Het eenig gevolg van dat heen- en weerslingeren is +dus, dat hij door onvast op den bank te zitten de roeiers in hunne taak +zal hinderen en door onbedoelde rukken aan een der stuurlijnen den gang +der boot kan belemmeren.</p> + +<p>Ieder stuurman behoort verder met de volgende regels bekend te zijn:</p> + +<p>1. eene boot, die stroomopwaarts gaat, moet aan den oever blijven en +elke boot, die zij ontmoet, aan den binnenkant, d. w. z. in het midden +van den stroom laten passeeren.</p> + +<p>2. eene stroomafwaarts varende boot houdt het midden van den stroom en +laat eene haar ontmoetende boot aan den buitenkant voorbijgaan.</p> + +<p>3. eene boot, die eene andere boot inhaalt, moet voor deze uithalen om +te passeeren, terwijl de ingehaalde boot ongestoord haren koers kan +vervolgen.</p> + +<p>4. ontmoeten twee booten elkaar op niet stroomend water, zoo wijken +beiden naar stuurboord uit en ieder laat dus de andere aan bakboord +passeeren.</p> + +<p>5. eene boot met stuurman moet uitwijken voor eene boot, die zonder +stuurman vaart.</p> + +<p>6. eene roeiboot moet steeds voor eene zeilboot uitwijken.</p> + +<p><span class="pagenum" title="105"> </span><a id="p_105"></a></p> + +<p>7. een tweeriems moet voor een vierriems—een vierriems voor een +zesriems—en deze weer voor een achtriems uitwijken.</p> + +<p>Dit over de plichten van den stuurman in het algemeen.</p> + +<p>Thans nog het een en ander over de taak, die hij op wedstrijden heeft te +vervullen.</p> + +<p id="stuurmanskwestie">Raceroeiers noemen den stuurman wel eens een noodzakelijk kwaad, en +vooral de Franschen en Belgen schijnen deze meening zeer te zijn +toegedaan, waarom zij dit kwaad maar zoo klein mogelijk trachten te +maken en met de kleinste exemplaren van het <span xml:lang="la">genus</span> „stuurman“ op +wedstrijden verschijnen. Gewoonlijk zijn het kinderen van 25 30 kilo, +aan wie in die landen op wedstrijden het roer wordt toevertrouwd. Dat +zulk een knaap slechts pro forma in de boot zit ingevolge het reglement, +dat een wedstrijd voor „booten <i>met</i> stuurman“ heeft uitgeschreven, +spreekt van zelf, daar de slag in werkelijkheid het bevel voert en hem +gedurende den ganschen kamp instructies moet geven.</p> + +<p>Het voordeel van dezen maatregel ligt voor de hand: de roeiers hebben +minder ballast mee te trekken en de snelheid der boot kan daardoor +grooter zijn.</p> + +<p>Doch ook de nadeelen, die uit die instelling voortvloeien, zijn niet +gering te schatten.</p> + +<p>Zoo de wedstrijd op een water, dat zeer onstuimig is of waar vele +vaartuigen de baan her- en derwaarts <span class="pagenum" title="106"> </span><a id="p_106"></a>doorkruisen, plaats vindt, zullen +kinderen al zeer slechte leiders zijn op dat moeilijke pad, en +ongelukken zullen allicht voorkomen.</p> + +<p>Een goed stuurman kan door eene juiste kennis van den invloed van wind +en stroom op den gang der boot zijn ploeg menigen omweg en veel +krachtsinspanning besparen.</p> + +<p>Wanneer wij bedenken, hoevele wedstrijden met eene bootslengte of minder +gewonnen zijn, dan is het duidelijk, dat een goed stuurman, die de boot +iedere afwijking, hoe gering ook, bespaart, en van elken gunstigen +toestand van wind of stroom <ins class="corr" id="corr25" title="Bron: onmiddelijk">onmiddellijk</ins> partij weet te trekken, in +vele gevallen voor een groot deel tot de overwinning heeft bijgedragen.</p> + +<p>En hoe kan men dit van een kind eischen? Hoe kan men in een kind die +tegenwoordigheid van geest, dien vasten wil, dat vlug begrip verlangen, +die zoo noodzakelijk zijn tot het vormen van een racestuurman in den +waren zin van het woord? Wij herinneren den lezer slechts aan de wijze, +waarop door belgische ploegen op wedstrijden de boeien worden gemaakt, +waarbij zij steeds een eind tegen nederlandsche ploegen verliezen.</p> + +<p>Ook zouden wij er op kunnen wijzen, hoe bespottelijk het is op +wedstrijden in genoemde landen den slag voortdurend tegen zijn „<span xml:lang="fr">petit +barreur</span>“ te hooren schreeuwen en onophoudelijk te zien omkijken, in +plaats van op het tempo zijner slagen en de <span class="pagenum" title="107"> </span><a id="p_107"></a>conditie zijner mederoeiers +te letten. Door dat geschreeuw n van den slag n van den stuurman, die +zonder ophouden zijn „<span xml:lang="fr">tirez donc</span>“ laat hooren, worden ook de ooren der +toeschouwers op een allesbehalve welluidend concert vergast.</p> + +<p>Neen, in dat opzicht is het in Nederland beter.</p> + +<p>De gecombineerde vergadering van alle nederlandsche roeivereenigen, in +1885 te Amsterdam gehouden, heeft besloten, dat op onze wedstrijden +slechts stuurlieden worden toegelaten, die minstens 60 kilo wegen, +zoodat hierdoor het kwaad voorkomen wordt, dat sedert jaren in Frankrijk +en Belgi voortwoekert.</p> + +<p>Het is dus wel te verwachten, dat men binnenkort in Belgi ons voorbeeld +volgen en een niet te laag minimum-gewicht voor den racestuurman zal +vaststellen.</p> + +<p>Het is namelijk noodzakelijk, dat deze taak door iemand wordt +waargenomen, die in staat is met vaste hand den koers der boot te +bepalen, van elk voordeel partij te trekken, den roeiers op den +wedstrijd moed kan inboezemen en hen, zoo zij verslappen, met nieuwe +krachten weet te vervullen en tot de uiterste inspanning aan te sporen.</p> + +<p>En in dat geval, is de stuurmanskunst eene edele kunst en kan de +stuurman met evenveel recht trotsch zijn op zijne behaalde medaille als +de roeier op de zijne.</p> + +<p><span class="pagenum" title="108"> </span><a id="p_108"></a></p> + +<p>Verkiest men echter zonder stuurman te roeien, zoo kieze men +wedstrijden voor booten, die door een der roeiers worden gestuurd, doch +trachte niet den edelen roeisport te verlagen door gehuurde kinderen in +de boot te nemen en aldus een voordeel op zijne tegenpartij te erlangen.</p> + +<p>In vele landen is het roeien in booten, voorzien van een <i>stuurtoestel</i>, +(<i xml:lang="en">steering-apparatus</i>), reeds doorgedrongen.</p> + +<p>Het is eene amerikaansche uitvinding, die het gemis van een stuurman +mogelijk maakt door diens taak aan een der roeiers op te dragen. Op de +spoorplank van een der roeiers namelijk is een toestel aangebracht, dat +met de stuurlijnen in verband staat en den roeier in staat stelt de boot +met zijne voeten naar rechts of links te wenden.</p> + +<p>Er zijn drie soorten van dit stuurtoestel, die allen, hoewel in +hoofdzaak aan elkaar gelijk, in samenstelling een weinig verschillen. +Het beste wordt vervaardigd door <em class="g" xml:lang="en">Searle & Sons</em> te Londen.</p> + +<p>Het spreekt van zelf, dat het gebruik van dit toestel van den roeier +groote vaardigheid vereischt, zoodat het in eene meerriemsboot +gewoonlijk aan den bekwaamsten roeier wordt opgedragen.</p> + +<div class="figcenter2" style="width: 71px;"> +<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="109"> </span><a id="p_109"></a></p> + +<div class="figcenter2" style="width: 463px;"> +<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<h2><a id="V"></a>VIJFDE HOOFDSTUK.</h2> + +<hr class="chbegin2" /> + +<p class="latijn" xml:lang="la"><ins class="info" +title="Als jongen heeft hij veel geleden en gedaan, hij heeft gezweet en heeft het koud gehad, +hij heeft zich onthouden van liefde en wijn. (Horatius, Ars poetica 413)">Multatulit +fecitque puer, sudavit et alsit, abstinuit venere et vino.</ins></p> + +<p class="subh2">DE TRAINING.</p> + +<div><img class="cap" src="images/cap_e.png" width="73" height="116" alt="" /></div> + +<p class="drop">Een enkel woord vooraf over de keuze der roeiers en over de +samenstelling van eene ploeg is hier op zijne plaats. Dikwijls wordt +bij de samenstelling van eene raceploeg meer gelet op physieke kracht +dan op vaardigheid in 't roeien. Men gaat dan van 't denkbeeld uit, +dat degenen, die men gekozen heeft om hunne sterke spieren, met eenige +oefening zich een goeden stijl wel eigen zullen maken.</p> + +<p>Het is gemakkelijk aan te toonen dat deze wijze van handelen onjuist is, +en wel om de eenvoudige reden dat de grondstelling waarvan men uitgaat, +nl. <span class="pagenum" title="110"> </span><a id="p_110"></a>dat ieder door oefening eene goede methode van roeien zich zal +kunnen eigen maken, met de waarheid in strijd is. Er zijn er, die nooit +leeren roeien, er zijn er ook, die slechts door langdurige oefening het +tot op een zekere hoogte brengen.</p> + +<p>Daarom is het raadzaam in de 1<ins class="corr" id="corr26" title="Subscript in Bron."><sup>e</sup></ins> plaats te letten op den +aanleg voor en de vaardigheid in 't roeien, en slechts in de 2<sup>e</sup> +plaats in aanmerking te nemen de physieke kracht.</p> + +<p>Overigens is over de lichamelijke vereischten voor een roeier weinig te +zeggen. Het spreekt van zelf dat goede longen en een normaal werkend +hart onmisbaar zijn. Heeft men die niet, dan is zelfs eene proefneming +om de vermoeienissen der training te doorstaan reeds gevaarlijk voor +de gezondheid, terwijl de ploeg door het uittreden van een der leden +gedupeerd is, daar men nu met een ander opnieuw zal moeten beginnen te +oefenen.</p> + +<p>Twijfelt men daarom maar eenigszins aan de volkomene gezondheid van een +der genoemde organen, dan doet men goed zich vooraf door een medicus te +doen onderzoeken.</p> + +<p>Groote spierkracht, wij hebben het reeds gezegd, is geen +hoofdvereischte. Tot bewijs van deze bewering beroepen wij ons op het +feit dat zoovele groote roeiers van mindere lichaamskracht zich den baas +hebben getoond van anderen, die over veel grooter physieke kracht konden +beschikken. Een treffend voorbeeld <span class="pagenum" title="111"> </span><a id="p_111"></a>is +geweest <em class="g" xml:lang="en">Robert Coombes</em>, een man +van zeer kleine gestalte en slechts 56 K.G. wegende, die in 1846 het +Championnaat van Engeland won, en de eerste roeier van zijn tijd was. En +nemen wij <em class="g" xml:lang="en">Hanlan</em> zelf, welk verschil van lichaamskracht bestaat er niet +tusschen hem en <em class="g" xml:lang="en">Trickett</em>, <em class="g" xml:lang="en">Laycock</em>, +<em class="g" xml:lang="en">Ross</em> en andere reuzen, die allen voor +hem 't onderspit moesten delven. En ook onder de eerste amateurs kennen +wij immers roeiers die, ten opzichte van hun lichaamskracht, niet boven +'t middelmatige gingen, b. v. <em class="g" xml:lang="en">Mr. Lowndes</em> van <span xml:lang="en">Oxford</span>, die eenige jaren +het Championnaat van de <span xml:lang="en">Thames</span> wist te veroveren.</p> + +<p>Maar hiermede willen wij geenszins aantoonen dat groote spierkracht van +geen nut is. Zeker zal, wanneer bij 2 roeiers alle voordeelen gelijk +zijn, de grootere kracht bij den n de schaal naar zijn kant doen +overhellen. Maar ze is niet van zooveel gewicht als men over 't algemeen +gelooft, en in geen geval kan ze in de plaats komen van 't gemis aan +eene goede methode van roeien. Men zorge echter bij de keuze van roeiers +niet gedecideerd zwakke personen te nemen, daar het noodig is dat ze +gedurende elken slag op zich zelf den riem gemakkelijk door 't water +halen; anders kan men niet verwachten dat ze diezelfde beweging +honderden malen zullen kunnen herhalen.</p> + +<p>Aangeboren taaiheid strekt tot aanbeveling.</p> + +<p>Ook geeft eene lange, slanke gestalte een voordeel <span class="pagenum" title="112"> </span><a id="p_112"></a>bij het roeien, +omdat men dan om een even grooten slag te maken als door iemand van +korter, meer ineengedrongen lichaamsbouw wordt gemaakt, zijn lichaam +minder voorover en achterover behoeft te strekken, en dus vanzelf +gemakkelijker roeit.</p> + +<p>Na de keuze der roeiers gaat men over tot de aanwijzing van ieders +plaats in de boot. Hierbij zijn eenige regels in acht te nemen. Als +slagroeier (<i xml:lang="en">strokeman</i>, <i xml:lang="fr">chef de nage</i>, <i xml:lang="de">Schlagmann</i>) kieze men den besten +roeier, of hem, die door meerdere geoefendheid boven de anderen uitmunt. +De slagroeier is 't, die de grootste verantwoordelijkheid in de boot +draagt. Vertraagt hij zijn tempo, verliest zijn slag de noodige +veerkracht, noodwendig moet dit terugwerken op de anderen, want ze +moeten hem volgen, en al waren ze de beste roeiers der wereld, ze kunnen +er niets aan doen.</p> + +<p>Ook zijn kalmte en koelbloedigheid zeer gewenschte eigenschappen in hem, +om dezelfde reden, dat hij 't tempo moet aangeven. Een zenuwachtige slag +heeft dikwijls een wedstrijd doen verliezen, evenals kalmte en beleid +hem vaak doen winnen. Te gelegener tijd uitgevoerde „<i>spurtjes</i>“, het +juist gebruik maken van zwakke oogenblikken van de tegenpartij, zijn +dikwijls beslissend geweest op een race tusschen ongeveer gelijkstaande +ploegen.</p> + +<p>In die oogenblikken is het de taak van de overige leden der ploeg, maar +vooral van den 2<sup>en</sup> slagroeier, om oogenblikkelijk 't veranderd tempo +te volgen; <span class="pagenum" title="113"> </span><a id="p_113"></a>geen halve slag mag daardoor ongelijk worden, op 't zelfde +oogenblik dat de slagroeier zijn tempo verandert, moeten de overigen dit +als een elektrischen schok voelen; wij herhalen het, in de 1<sup>e</sup> plaats +de 2<sup>e</sup> slagroeier, want volgt hij niet, dan zullen alle +stuurboordroeiers eveneens achterblijven; hij is als 't ware de +slagroeier aan stuurboord.</p> + +<p>Bij de aanwijzing van ieders plaats komt 't gewicht in aanmerking. Het +grootste gewicht moet in 't midden der boot gelegd worden, dus in een +vierriemsgiek zijn 2<sup>e</sup> slagroeier en 2<sup>e</sup> boeg de zwaarste personen, +zoo 't kan de 2<sup>e</sup> slag nog zwaarder dan de 2<sup>e</sup> boeg. De boeg (<i xml:lang="en">bow</i>, +<i xml:lang="fr">brigadier</i>, <i xml:lang="de">Bug</i>) is de lichtste, terwijl de slagroeier minder gewicht +moet hebben dan de twee in 't midden der boot gezetenen. De +gewichtsverdeeling is echter niet van overwegend belang; stel dat iemand +door zijn regelmatig tempo, etc., de meeste geschiktheid bezit als +slagroeier, maar tevens de zwaarste van de ploeg is; dit laatste zal dan +geen verhindering mogen zijn om hem als slag te doen plaats nemen. Eerst +wanneer een tweede, wat die geschiktheid betreft, met hem gelijk staat, +zal de gewichtsverdeeling in aanmerking mogen komen. 't Gewicht aan +bakboord moet ongeveer gelijk zijn aan dat aan stuurboord; anders zou +de boot naar n kant „overliggen“, hetgeen alleen verholpen kan worden +doordat de stuurman meer naar den kant van 't minste gewicht gaat +zitten. Behalve <span class="pagenum" title="114"> </span><a id="p_114"></a>dat dit laatste nadeelig voor de boot is, heeft het nog +dit inconvenient dat de stuurman bij de minste schommeling van de boot +door wind of golven weer naar 't midden van zijn zitplaats zal glijden, +in welk geval 't evenwicht weer verloren is.</p> + +<p>Een punt aan groot belang is dat de krachten aan stuurboord en aan +bakboord zooveel mogelijk gelijk zijn, zoodat, wanneer 't roer +losgelaten wordt, de boot eene rechte lijn volgt en geen van beide +boorden, zooals 't heet, „<i>overgetrokken</i>“ wordt. Duidelijk is het, +waarom.</p> + +<p>Trekt een van de boorden over, dan ziet de stuurman zich genoodzaakt +voortdurend 't roer naar n kant om te halen, hetgeen met meer of +mindere kracht voortdurend het vaartuig in zijn gang tegenhoudt.</p> + +<hr /> + +<p>Zijn de roeiers gekozen, is ieders plaats in de boot aangewezen, de +ploeg kan dan „<i xml:lang="en">in training</i>“ gaan. De beteekenis van 't engelsche woord +„<i xml:lang="en">to train</i>“ is africhten; hij, die de handeling pleegt is <i>de <span xml:lang="en">trainer</span></i>.</p> + +<p>In Engeland is dit gewoonlijk een „<i xml:lang="en">professional</i>“ (d. i. iemand, die +van een zekeren tak van sport, in casu van 't roeien, zijn beroep, zijne +broodwinning heeft gemaakt) of een gewezen <i xml:lang="en">professional</i>, die in dienst +treedt bij eene roeivereeniging, om de ploegen voor de wedstrijden af te +richten, door hun, bij de oefeningen en bij hunne levenswijze met raad +ter zijde te staan en het noodige toezicht over hen uit te <span class="pagenum" title="115"> </span><a id="p_115"></a>oefenen. +Ook in Duitschland is bij de groote roeivereenigingen de gewoonte om +trainers in dienst te nemen, heerschende, en in Frankrijk en Belgi niet +onbekend.</p> + +<p>In Nederland echter heeft ze nog geen ingang gevonden, hier worden de +jongere roeiers geoefend en getraineerd door hunne oudere collega's, +leden of eereleden van de vereeniging. Het behoeft nauwelijks gezegd te +worden dat eerstgenoemd gebruik veel voor heeft. De in dienst genomen +trainers toch zijn niet alleen beproefde roeiers, of het geweest, maar +bovendien menschen die er hun beroep van maken om de fouten in eens +anders methode te ontdekken, en in de roeikunst onderwijs te geven. Dit +nu is eene kunst op zich zelf.</p> + +<p>Het doel van de training is natuurlijk om de ploeg in den toestand te +brengen waarin zij haar toppunt heeft bereikt, en de baan in den kortst +mogelijken tijd aflegt. De engelschen zeggen dan dat men „<i xml:lang="en">in +condition</i>“ is.</p> + +<p>Daarvoor is noodig dat de roeiers reeds vrdat de training begint, goed +kunnen roeien. Het is een zeer verkeerd begrip, dat ze dat gedurende de +training wel kunnen leeren. Daarvoor is de tijd te kort; men moet dan de +laatste hand aan 't werk leggen, om zoo te zeggen, de puntjes op de i +zetten. Het spreekt van zelf, dat vooral bij jonge roeiers gedurende de +training de stijl zich aanmerkelijk nog zal verbeteren, <span class="pagenum" title="116"> </span><a id="p_116"></a>maar men mag +het daarop niet aan laten komen, ze moeten reeds vr dien tijd +geoefende roeiers zijn.</p> + +<p>De training dient: 1. om van de verschillende roeiers n geheel te +maken. Het is mogelijk dat ieder op zich zelf goed is, maar de ploeg +slecht; 2. om de taaiheid der spieren, de kracht der longen en het +weerstandsvermogen van 't hart tot op 't maximum te brengen, dat ieder +der roeiers voor zich bereiken kan.</p> + +<p>Om dit doel te bereiken, moet men zich dagelijks vele vermoeienissen +getroosten, vele genietingen ontzeggen. Hieraan is 't dan ook toe te +schrijven, dat zoo velen zich niet aan het rgime willen onderwerpen. +Want dat er zijn, die van de training weinig zouden verwachten, kunnen +wij niet gelooven, wanneer de resultaten zoo helder aan den dag komen, +niet alleen op 't gebied van de roeisport, maar ook van de andere takken +van sport. Wanneer wij zien dat <em class="g" xml:lang="no">Axel Paulsen</em>, om wien te Leeuwarden op +zijne oefeningen de Friezen, als spreeuwen om een kraai, cirkels +beschreven, op den wedstrijd op de lange baan met glans overwon, wanneer +wij hem bewonderen als hij op het laatst even hard rijdt als in 't +begin, dan is 't onmogelijk dat wij in ernst over de training minachtend +de schouders ophalen. Moeten wij niet veeleer denken aan gemis aan +wilskracht, aan gemakzucht?</p> + +<p>In hem, die het wel aardig vindt aan een wedstrijd <span class="pagenum" title="117"> </span><a id="p_117"></a>deel te nemen, en +dit als een grap beschouwt, kunnen wij het verschoonen, dat hij zich +niet aan de ontberingen wil onderwerpen, en zich niet al te veel moeite +getroost. Maar den echten liefhebber van den sport strekt het tot +schande!</p> + +<hr /> + +<p>Welke zijn nu de middelen om het bovenomschreven doel te bereiken? +Wanneer wij de handboeken over den roeisport opslaan in het hoofdstuk +over de training, dan vinden wij daarin een overvloed van voorschriften, +die in de kleinste bizonderheden de dagverdeeling en de levenswijze der +roeiers in training aangeven. Behalve dat meestal hierdoor te weinig +rekening wordt gehouden met 't verschil in lichaamsgesteldheid, in +krachten, in gewoonten van de verschillende roeiers, heeft deze wijze +van behandeling bovendien deze grove fout, dat de geheele regeling te +bezwarend, ja onuitvoerbaar wordt. Het is daarom ons doel in de volgende +regelen aan te geven eene wijze van training, die het minst mogelijk +afwijkt van de dagverdeeling, levenswijze en gewoonten in Nederland in +zwang. Ieder wijzige deze naar zijne bizondere bezigheden, die hem +verhinderen haar juist te volgen, zooals ze hier zal worden aangegeven.</p> + +<p>Ter bevordering van de regelmaat zullen wij de in acht te nemen +<ins class="corr" id="corr27" title="Bron: voorschriftenin">voorschriften in</ins> 3 cathegorien verdeelen.</p> + +<p>In de eerste plaats komt in aanmerking <i>de oefening <span class="pagenum" title="118"> </span><a id="p_118"></a>in de boot</i>. +Noodzakelijk is 't hieraan de grootste zorg te besteden. Om het grootst +mogelijke nut van deze oefeningen te trekken moet men ze niet te snel +op elkander doen volgen. Twee oefeningen daags, ieder van 1 uur, zijn +wenschelijk, een des morgens en een des avonds (daar bij ons alle +wedstrijden in den zomer plaats hebben). De slag zorge er voor, vooral +in de eerste week der training, een niet te snel tempo aan te geven, +maar zulk een, dat door allen gemakkelijk gevolgd kan worden. Men moet +nog leeren gelijk roeien, men moet aan elkander gewennen en eenigszins +dezelfde manier van roeien verkrijgen; daarvoor is 't vooral noodig dat +men niet overhaast wordt. Gaat 't niet goed, dan is 't raadzaam om een +oogenblik te rusten; in 't algemeen is 't wenschelijk op de oefeningen, +na de helft van den afstand afgelegd te hebben, 10 min. of een kwartier +te rusten. Men zal dan dikwijls bemerken, dat op den terugtocht beter +geroeid wordt dan bij 't heengaan.</p> + +<p>Is er meer gelijkheid in de bewegingen van de roeiers gekomen, dan worde +het tempo versneld, en sommige kleine afstanden mogen zelfs met groote +krachtsinspanning geroeid worden.</p> + +<p>Men ga er echter niet te spoedig toe over een baan op tijd te roeien; +dit bederft den stijl en vergt te veel van de krachten der roeiers. +Eerst wanneer de roeiers aan elkaar gewoon zijn geraakt, en een <span class="pagenum" title="119"> </span><a id="p_119"></a>paar +weken van de training achter den rug zijn, dan mag er „<i>een baantje +geroeid worden</i>.“ Maar dit mag niet te dikwijls herhaald worden, want +eene lange oefening van 1 uur is als regel veel beter.</p> + +<p>Het is o. i. nuttig dagelijks een „<i>start</i>“ te maken, en gedurende 1 of +2 min. het versnelde tempo te behouden. Maar men beginne ook hiermede +eerst nadat de ploeg eenige vorderingen gemaakt heeft.</p> + +<p>Overigens is er weinig te zeggen van de wijze waarop in de boot geoefend +moet worden. Veel hangt af van de krachten der roeiers. Hiermede vooral +moet de trainer te rade gaan, en ook de bemanning zelve moet beoordeelen +hoeveel zij van haar krachten kan vergen.</p> + +<p>Maar wij wenschten toch, vooral voor jonge roeiers, een raad te geven: +men denke niet dat hoe grooter de dagelijksche arbeid is, des te sterker +de ploeg wordt, want het gevaar voor overspanning is dan groot. +Werkelijk, 't is geen zeldzaam geval, dat men op 't einde van de +training zwakker wordt, omdat men „<span xml:lang="en">overtrained</span>“ is; en dit is dan +meestal 't gevolg van 't overmatig baantjes roeien.</p> + +<p>De groote moeilijkheid, die zich bij de training voordoet, is juist +deze, dat men moet ontwijken twee klippen, aan den eenen kant te slappe +oefening, aan den anderen kant overspanning, in n woord, men moet +nabij komen aan het maximum, dat van ieders krachten kan gevergd worden, +zonder hem af te matten.</p> + +<p><span class="pagenum" title="120"> </span><a id="p_120"></a></p> + +<p>Als tweede middel tot oefening van de spieren, maar vooral van hart en +longen, diene het <i>hardloopen</i>.</p> + +<p>Ook hiervoor geldt natuurlijk de waarschuwing tegen overspanning. Men +beginne daarom met slechts eenige minuten in kalmen draf te loopen, en +telkens op te houden, wanneer de ademhaling te moeilijk wordt. +Langzamerhand worden de afstanden grooter, en sommige daarvan met +grooter snelheid afgelegd. Op deze wijze gebruike men des morgens daags +een uur. Maar deze oefening mag geen afbreuk doen op de oefening in de +boot; zoodra men bemerkt dat men spoedig vermoeid wordt bij het roeien, +moeten de oefeningen in het hardloopen ingekort worden.</p> + +<p>Zoowel door de oefening in de boot als door 't loopen verliest men 't +overtollige vet. Dit is bevorderlijk voor de vrije werking van hart en +longen, en ook van de spieren.</p> + +<p>Maar wij houden het voor bepaald nadeelig om nog bovendien kunstmatig te +doen zweeten door b.v. na het hardloopen in bed onder de dekens te gaan +liggen, waardoor de transpiratie nog eenigen tijd wordt voortgezet, +zooals door sommigen (o. a. <em class="g" xml:lang="de">Victor Silberer</em>) wordt aangeraden. Op deze +wijze verliest men krachten, zonder dat de spieren, zooals bij het +natuurlijke zweeten 't geval is, door de gezonde oefening worden +gestaald. Bovendien wordt door strenge training, op de wijze zooals +hierboven is <span class="pagenum" title="121"> </span><a id="p_121"></a>aangewezen, van zelf het vet tot een minimum +teruggebracht.</p> + +<p>Tot de derde cathegorie brengen wij de regels en voorschriften omtrent +de <i>levenswijze</i> en het <i>dieet</i> gedurende de training in acht te nemen.</p> + +<p>Eene geregelde levenswijze, vroeg naar bed en vroeg op, is eerste +plicht. Het spreekt van zelf dat na den vermoeienden dagelijkschen +arbeid het lichaam eene flinke rust noodig heeft. Veel hangt ook hier af +van ieders gewoonte; een bepaald aantal uren is daarom niet als regel +aan te geven, maar ieder zorge volkomen uitgerust des morgens op te +staan, zonder nochtans uit luiheid na voldoenden slaap in bed te blijven +liggen.</p> + +<p>Wat het te gebruiken voedsel betreft, zijn alle vet aanzettende spijzen +verboden, en moeten de krachtige spieren vormende gerechten gezocht +worden. Zoo zijn rundvleesch en des morgens bij 't ontbijt eieren als +hoofdvoeding te gebruiken. Ook bladgroenten zijn aan te raden; +daarentegen aardappelen, zetmeelinhoudende groenten, als boonen, erwten, +enz. kortom alle meelspijzen af te raden.</p> + +<p>Ook vette kost, als varkensvleesch, en ook al te versch brood is +nadeelig.</p> + +<p>Eene hoofdzaak bij de training is de onthouding van allerlei +genietingen; maar tevens zijn de voorschriften hieromtrent gegeven, die, +welke het meest overtreden worden, en waarbij men helaas! geneigd <span class="pagenum" title="122"> </span><a id="p_122"></a>is +groote toegevendheid jegens zich zelven te betoonen.</p> + +<p>Dat de omgang met het andere geslacht streng verboden is, laat zich +gemakkelijk begrijpen. Vele krachtige sappen worden dan door het lichaam +verloren, die het onmogelijk missen kan, want, wij hebben het reeds +gezegd, dagelijks wordt het maximum krachtsinspanning van het lichaam +gevorderd; en het is onzin te beweeren, dat men door wat meer voedende +spijs te gebruiken de krachten kan herstellen, want ook de maag moet +reeds het maximum arbeid verrichten, reeds zooveel voedsel wordt +opgenomen, als mogelijk is zonder oververzadigd te worden.</p> + +<p>Dat 't gebruik van sterken drank en het rooken uiterst nadeelig is, het +is eene algemeen bekende zaak; 't eerste omdat het 't bloed te snel in +beweging brengt, het tweede omdat 't nadeelig op de longen werkt. Deze +moeten zooveel mogelijk zuivere lucht inademen; vandaar ook dat 't aan +te raden is, gedurende de training zooveel mogelijk in de open lucht te +zijn.</p> + +<p>Bier is nog bovendien om deze reden verboden, omdat het vet aanzet. 't +Gebruik van een enkel glas wijn, wij kunnen het eerder goed- dan +afkeuren, vooral bij het middagmaal en dan aangelengd met een weinig +water, omdat het in dezen vorm den dorst meer lescht dan zuiver water.</p> + +<p>Dikwijls ziet men roeiers in training na afloop van hunne oefeningen +groote hoeveelheden water <span class="pagenum" title="123"> </span><a id="p_123"></a>drinken; en dit is zeer begrijpelijk, omdat +men door 't zweeten soms een bijna onlijdbaren dorst verkrijgt; en toch +is 't zeer verkeerd daaraan zonder eenigen tegenstand toe te geven. Men +drinke nooit een glas in n teug leeg; dit lescht den dorst niet, een +oogenblik daarna gevoelt men weer bijna evenveel behoefte, en op deze +wijze wordt de maag gevuld met plassen vloeibare stoffen, terwijl de +beschikbare ruimte, om 't zoo uit te drukken, gebruikt had moeten worden +tot opneming van krachtige spijzen. Een goede raad is 't om bij 't +drinken slechts kleine slokjes van tijd tot tijd te nemen; op die manier +wordt de dorst gestild door eene betrekkelijk kleine hoeveelheid. De +ondervinding heeft ons zelf geleerd welk verrassend resultaat men door +deze wijze van handelen kon verkrijgen. Gingen wij op eerstgenoemde +wijze te werk, door met groote teugen te drinken, dan waren wij +nauwelijks tevreden met 7 8 glazen water bij het middagmaal. Later +zagen wij in dat dit nadeelig was, en bemerkten toen, dat door de +hierboven aanbevolen methode reeds 3 glazen onzen dorst konden lesschen.</p> + +<p>De vraag, welke de duur van den trainingtijd moet zijn, is niet in 't +algemeen te beantwoorden. Het hangt van verschillende omstandigheden af. +In de eerste plaats van de lengte van de baan, die op den wedstrijd +afgelegd moet worden. Is deze kort, dan kan men volstaan met een korter +trainingtijd; <span class="pagenum" title="124"> </span><a id="p_124"></a>is hij daarentegen lang, dan is ook eene langdurige +training noodig om „<i>in conditie</i>“ te komen. Verder hangt de +beantwoording van de vraag af van de meerdere of mindere geoefendheid +der roeiers. Hebben deze reeds meermalen op wedstrijden medegedongen, en +dus reeds meermalen eene training medegemaakt, dan zullen ze eerder in +conditie zijn dan 't geval is met jonge roeiers, die voorzichtiger +behandeld moeten worden, kalmer moeten beginnen, en daarom langer tijd +noodig hebben. Onzes inziens zou als middelmaat kunnen dienen de tijd +van 6 weken. Maar in alle geval moeten allen reeds voor de eigenlijke +training geregeld eenigen tijd eene dagelijksche oefening hebben gehad, +daar 't lichaam anders niet voldoende in staat is om plotseling zulk +eene zware inspanning te verdragen. De overgang zou dan te schielijk +zijn.</p> + +<hr /> + +<p>Als slot van dit hoofdstuk laten wij volgen eene proeve van eene +verdeeling van den dag voor roeiers in Nederland.</p> + +<p>Men staat 's morgens om zeven of acht uur op, al naar men de gewoonte +heeft vroeg of laat zijne legerstede te verlaten. Het lichaam wordt met +koud water geheel gewasschen, of zoo de gelegenheid open staat, even in +'t water ondergedompeld, daarna met een ruwen handdoek hard afgewreven.</p> + +<p><span class="pagenum" title="125"> </span><a id="p_125"></a></p> + +<p>Vr het ontbijt nog gaat men dan ongeveer een half uur uit en begint +zijne oefening in 't loopen op bovenvermelde wijze. Men mag zich echter +vr het ontbijt niet te veel vermoeien; daarom is het beter, zoo men +den tijd heeft, om deze oefening zeer kort te maken, en haar in den +middag te herhalen. Men zorge steeds voor deze oefening andere kleeren +beschikbaar te stellen, die na afloop ervan uitgedaan worden, om 't +lichaam met een ruwen doek af te wrijven en schoon te droogen. Na drooge +kleeren aangetrokken te hebben, en toch vooral niet denzelfden flanellen +borstrok, gebruikt men een stevig ontbijt.</p> + +<p>Tot 1 uur is men vrij; op dat uur begint de oefening in de boot, en deze +duurt tot half drie.</p> + +<p>Om de lunch niet te kort hieraan te doen voorafgaan, beginne men er wat +vroeger mee, dan men gewoon is, zoodat een uur minstens verloopt na +afloop van de lunch vr 't begin van de oefening. Het overige gedeelte +van den namiddag is men vrij. Voor zoover deze vrije uren niet bezet +zijn door bezigheden, waartoe men door zijn werkkring verplicht is, +brenge men ze door in kalme beweging zooveel mogelijk in de open lucht. +Liggen is in alle geval verkeerd.</p> + +<p>Na het diner begint om 7 uur of half acht de 2<sup>e</sup> oefening in de boot; +deze duurt tot half 9 of 9 uur. Niet te kort voordat men zich te ruste +<span class="pagenum" title="126"> </span><a id="p_126"></a>begeeft wordt nog een matig avondmaal gebruikt, bestaande uit niet te +zware spijzen; om half 11 of 11 uur gaat men ter ruste.</p> + +<p>Het zal niet voor iedereen mogelijk zijn deze dagverdeeling te volgen, +maar, wij herhalen het, hij wijzige ze dan naar de eischen van zijne +werkzaamheden, zooveel mogelijk echter z, dat de lichamelijke arbeid +over den geheelen dag wordt verdeeld.</p> + +<p>Het komt ons voor dat wie, zooveel in zijn vermogen is, dezen leefregel +volgt en daarbij de andere gegeven voorschriften nakomt, het onschatbare +genoegen zal smaken dagelijks zijne vorderingen te bemerken, en telkens +bij de oefeningen zich sterker en veerkrachtiger te gevoelen. Met +zelfvoldoening zal hij op 't einde van de training kunnen terugzien op +den zoo goed gebruikten tijd, waarin hij zijn lichaam gehard, zijne +wilskracht gestaald en zijn levenslust opgewekt heeft. Met een kalm hart +en een gerust geweten zal hij op den dag van den wedstrijd op de baan +verschijnen, die voor hem wellicht roemvol zal worden!</p> + +<div class="figcenter2" style="width: 71px;"> +<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<p><span class="pagenum" title="127"> </span><a id="p_127"></a></p> + +<div class="figcenter2" style="width: 463px;"> +<img src="images/deco2.png" width="463" height="54" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<h2><a id="VI"></a>ZESDE HOOFDSTUK.</h2> + +<hr class="chbegin2" /> + +<p class="subh2">DE WEDSTRIJD (<i xml:lang="en">race</i>, <i xml:lang="fr">course</i>, <i xml:lang="de">rennen</i>).</p> + +<div><img class="cap" src="images/cap_e.png" width="73" height="116" alt="" /></div> + +<p class="drop">Eindelijk is dan de lang verwachte dag aangebroken, die door eene +overwinning of eervolle nederlaag de kroon op het werk zal zetten. Velen +zijn van meening, dat de roeiers op den dag vr den wedstrijd +denzelfden leefregel moeten volgen, dien zij den ganschen trainingtijd +hebben gehad; dus de loopoefening, roeioefeningen, enz. ook dien dag +waarnemen. Anderen raden aan, dat eene raceploeg dien dag in volkomen +rust moet doorbrengen om op die wijze als 't ware dubbele krachten voor +den wedstrijd zelf te verzamelen.</p> + +<p>Wij zijn het meer eens met de laatsten en kunnen deze methode bij +ondervinding als de beste <span class="pagenum" title="128"> </span><a id="p_128"></a>aanbevelen. Een eindje kalm roeien is dan +goed, maar alle inspanning moet vermeden worden.</p> + +<p>Wat dus nog al eens in de laatste weken van dien tijd gedaan wordt, +„<i>het zoogenaamde baantje roeien</i>“, mag op den dag vr den wedstrijd +volstrekt niet geschieden.</p> + +<p>Het beste is om alsdan met kalmen slag de baan een paar keeren af te +roeien, zoowel voor den stuurman om zijn koers voor den volgenden dag +vast te stellen, als voor de roeiers om zich te orinteeren en aldus in +staat te zijn gedurende den strijd hunne krachten verstandig te +verdeelen.</p> + +<p>Op den voorgaanden dag dus nooit de roeiers afmatten!</p> + +<p>Twee uren vr den aanvang van den wedstrijd gebruiken de roeiers een +stevig, maar niet overvloedig maal, bestaande uit vleesch en eieren; en +daar de wedstrijden bij ons te lande meestal te 1 ure aanvangen kan dit +maal dus gevoeglijk als lunch gelden, en zal er een kop koffie bij +kunnen gebruikt worden.</p> + +<p>De stuurman begeve zich intusschen, zoo hij dit den vorigen dag nog niet +gedaan heeft, naar de regelingscommissie om alle noodzakelijke +inlichtingen aangaande afgaan, baan, draaiboeien, passeeren der winboei, +enz. te verkrijgen.</p> + +<p>Na dan een uurtje met praten te hebben doorgebracht, wordt het al +spoedig tijd zich naar het terrein <span class="pagenum" title="129"> </span><a id="p_129"></a>van den strijd te begeven, de boot +te water te laten en een oogenblik met kalmen slag op en neer te roeien +om de spieren wat lenig te maken.</p> + +<p>Daarna gaan de roeiers op een beschaduwd plekje zitten tot het nummer +aan den seinpaal wordt geheschen, dat den wedstrijd aankondigt, waarin +zij zullen mededingen. Mochten zij alsdan dorst of liever een droge keel +hebben, zoo zal een slok spuitwater geen kwaad doen. Men moet echter op +den dag van den wedstrijd niet drinken, zoo men er geen bepaalde +behoefte aan heeft, en ook dan nog de kleinste hoeveelheden.</p> + +<p>De ploeg stapt dus in, zorgt dat de <span xml:lang="en">sliding-seats</span> goed loopen; dat het +stootleer van den riem goed, doch niet al te rijkelijk gesmeerd is; dat +de spoorplank goed vastzit; dat de voetriem geen gevaar loopt te breken; +dat de kleederen niet kunnen knellen, doch vrij en los om het lichaam +zitten. Nauwlettendheid is hierbij noodig, daar op alle wedstrijden +slechts ongevallen, die door de schuld van mededingers zijn veroorzaakt, +recht tot reclame geven. De stuurman zorgt, dat zijne stuurlijnen niet +doorgesleten zijn op het juk van het roer, dat zijn zitkussen stevig op +den bank bevestigd is, zoodat hij er niet mede naar de zijden kan +glijden.</p> + +<p>Hij bespreekt nog even met den slag eenige zaken, die zij op den vorigen +dag hebben overgelegd b.v. welke theorie te volgen met het afgaan, welke +draaiboei <span class="pagenum" title="130"> </span><a id="p_130"></a>te nemen, zoo men de keus heeft, op welke punten spurts te +maken, enz.</p> + +<p>En daar ligt dan de boot aan de afvaartsboei, wachtende op het schot.</p> + +<p>De stuurman heeft beide stuurlijnen in zijn eene, de afvaartsboei in de +andere hand, gereed om deze los te laten zoodra het schot afgaat en dan +de stuurlijnen terstond op de gewone wijze in handen te nemen.</p> + +<p>De roeiers moeten zwijgen en op elk woord van den stuurman letten, die +natuurlijk zorgt de boot recht te houden in den voorgeschreven koers en +daartoe nu bakboord dan stuurboord iets zal laten ophalen of strijken.</p> + +<p>De roeiers zien met voorovergebogen lichaam en gestrekte armen recht +voor zich uit en hebben slechts op den slag te letten om tegelijk met +hem te kunnen beginnen. Daartoe houden zij dan ook voortdurend het blad +van den riem in het water.</p> + +<p>Wij herhalen het: de roeiers moeten letten op den slag en niet op het +schot. Zoo allen op het hooren van het schot willen afgaan, zal de start +nooit zoo regelmatig zijn, als wanneer zij slechts op den slag en op +niets anders om zich heen letten.</p> + +<p>De slag vangt het schot op d. i. hij moet niet wachten, tot het schot +heeft weerklonken, doch als 't ware tegelijk met het afgaan ervan zijn +slag beginnen. Op dat oogenblik werpt de stuurman de <span class="pagenum" title="131"> </span><a id="p_131"></a>afvaartsboei flink +zijwaarts van zich af, zoodat deze in het water en niet in de boot +terecht komt. Wij hebben meermalen gezien, dat de stuurman dat touw, aan +het einde gewoonlijk van een stuk kurk voorzien, in plaats van in het +water, achter zich in de boot wierp, waar het om een latje slingerde en +de boot vasthield. De roeiers moesten dan eerst zich aftobben om door +wanhopig rukken dat weerspannige touwtje of het latje waarom het zich +gedraaid had, stuk te trekken, vrdat zij zich op weg konden begeven.</p> + +<p>Wij behoeven niet te zeggen, hoe zulk een oogenschijnlijk klein en +vergeeflijk verzuim van een stuurman een zes weken langen arbeid kan +vruchteloos maken.</p> + +<p>Dus het schot heeft weerklonken en pijlsnel schiet de boot voorwaarts. +Van dat oogenblik af hebben de roeiers slechts op den slag te letten; +zoo hij het tempo versnelt, moeten zij hem hierin terstond volgen; zoo +hij het aantal slagen vermindert, ook hierin n met hem zijn; van +praten onder den wedstrijd mag geen sprake zijn; slechts de slag zal nu +en dan aan den stuurman zijn wil door een wenk te kennen geven, zoodat +deze laatste op elke beweging van den slag moet letten, geene vragen aan +hem zal doen, waarop het antwoord uit eenige woorden moet bestaan, doch +zijne vraag aldus inkleeden, dat een knik van den slag voldoend antwoord +is.</p> + +<p><span class="pagenum" title="132"> </span><a id="p_132"></a></p> + +<p>Op wedstrijden heeft ieder wel stuurlieden in functie gezien, die door +ontzettend te schreeuwen hunne roeiers aanvuren en schor van die +inspanning aan land stappen. Dat schreeuwen is natuurlijk tot niets +nuttig en zal slechts den lachlust van het publiek kunnen opwekken. Wl +kan het kwaad doen: namelijk de roeiers reeds in het begin tot te groote +inspanning verleiden, en niets is op een wedstrijd gevaarlijker dan dat.</p> + +<p>Daarom, stuurman, spreek kalm tot uwe roeiers. Het zullen natuurlijk +meestal personen zijn, die gij goed kent, zoodat gij allicht weet, welke +snaren in hun gemoed moeten worden aangeroerd om hun moed in te +boezemen; en dan zal het wl zooveel indruk maken, zoo gij hen dit kalm +en flink toevoegt, dan indien gij met een rood gelaat als een bezetene +zit te brullen en te springen.</p> + +<p>Thans nog het een en ander over het afgaan.</p> + +<p>Vraagt men, wat beter is: terstond alle krachten in te spannen om van +den aanvang af de leiding op zich te nemen of in het begin niet al te +veel „er op te zetten“, teneinde dan later te toonen wat men kan, zoo +zouden wij hierop in het algemeen geen antwoord willen geven, maar wel +na eerst de ploeg te hebben leeren kennen, waarvoor het gevraagd wordt.</p> + +<p>Eene ploeg, uit zenuwachtige personen bestaande, zal, zoo zij vr is, +al terstond rustiger gestemd <span class="pagenum" title="133"> </span><a id="p_133"></a>worden en dus beter samenwerken. Voor +zulke roeiers is het derhalve wel wenschelijk, om, zoo het niet al te +veel inspanning moet kosten, reeds in den aanvang vr te komen. Vooral +voor jonge roeiers dus zal dit meestal verkieslijk zijn.</p> + +<p>Wat daarentegen ervaren, bedaarde roeiers betreft, die er zich in 't +minst niet om bekommeren of zij aanvankelijk vr of achter zijn, die +met een glimlach toezien hoe hunne tegenstanders in woeste vaart hen +voorbijvliegen en hunne krachten in het begin verspillen, zulke roeiers +zouden wij altijd aanraden flink maar kalm af te gaan.</p> + +<p>Wij hebben eene bepaalde baan steeds in korteren tijd afgelegd, wanneer +wij bedaard vertrokken en al ons kunnen in het laatste gedeelte legden, +dan zoo wij hard afgingen en de baan, naar ons gevoel althans, toch ook +konden uitroeien.</p> + +<p>Het spreekt van zelf, dat ook dat kalm afgaan en krachten sparen voor +het laatst niet moet overdreven worden. Ook dan kan men in een fout +vervallen, die de overwinning kosten kan.</p> + +<p>Op de verstandige verdeeling der krachten komt dus veel aan.</p> + +<p>In andere landen zijn meestal alle roeivereenigingen tot een bond +vereenigd, die reglementen voor wedstrijden vaststellen, welke dus voor +al die vereenigingen bindend zijn. Bij ons is dit niet het geval, en +laat elke vereeniging, die een wedstrijd <span class="pagenum" title="134"> </span><a id="p_134"></a>uitschrijft, op het programma +tevens de voor dien wedstrijd geldende bepalingen drukken.</p> + +<p>Het is misschien wenschelijk, dat de jaarlijksche vergadering te +Amsterdam dit punt eens op haar programma plaatste, n.l. het vaststellen +van een reglement voor roeiwedstrijden, uitgeschreven door nederlandsche +R. of Z. vereenigingen.</p> + +<p>Eenige bepalingen, die algemeen zijn aangenomen, vindt men op elk +programma terug, o. a. hetgeen wij over het recht tot reclame zeiden.</p> + +<p>Op een paar willen wij nog wijzen:</p> + +<p>Een roeier wordt <i>junior</i> genoemd, wanneer hij vr den 1<sup>sten</sup> Januari +van dat jaar nog geen eersten prijs heeft gewonnen, of slechts op +wedstrijden tusschen leden eener zelfde vereeniging of matches +(wedstrijden tusschen twee particulieren tengevolge eener uitdaging).</p> + +<p>Behaalt een roeier een eersten prijs tegen een of meer vereenigingen, +zoo wordt hij met ingang van het volgende jaar <i>senior</i> en mag nooit +meer op wedstrijden, uitgeschreven voor juniores, uitkomen.</p> + +<p>In Belgi geldt echter de bepaling, dat men slechts door het winnen van +een eersten prijs op een <i>internationalen</i> wedstrijd senior wordt. +Nationale wedstrijden noemen zij <i xml:lang="fr">courses d'entranement</i>.</p> + +<p><span xml:lang="en">Oarsmen</span> en <span xml:lang="en">scullers</span> vormen twee op zich zelf staande groepen, zoodat een +prijs door een <span xml:lang="en">oarsman</span> behaald, den winner wl als <span xml:lang="en">oarsman</span> +doch <span class="pagenum" title="135"> </span><a id="p_135"></a>niet +als <span xml:lang="en">sculler</span> senior maakt; en zoo omgekeerd.</p> + +<p>Wij laten nog als slot volgen een <i>concept algemeen reglement voor +wedstrijden</i>:</p> + +<p>1. Het sein van afvaart wordt door den „starter“ gegeven, nadat deze +zich verzekerd heeft, dat alle mededingende partijen gereed zijn.</p> + +<p>2. Indien de starter van oordeel<ins class="corr2" id="corr28" title="Bron: ,"></ins> is dat eenige +onregelmatigheid heeft plaats gehad bij de afvaart, dan zal hij dadelijk +de partijen terugroepen; elke partij, die weigert een tweede maal af te +gaan, zal buiten mededinging worden gesteld.</p> + +<p>3. Elke partij, die niet op 't bepaalde sein binnen den voor den +wedstrijd vooraf bepaalden tijd aan de afvaartsboei verschijnt, kan +buiten mededinging worden gesteld.</p> + +<p>4. Bij loting wordt aan iedere partij hare boei van omvaart aangewezen.</p> + +<p>5. Iedere partij moet gedurende de geheele baan in haar eigen vaarwater +blijven. Begeeft zij zich in een anders water, dan geschiedt dit op haar +eigen risico; met ieders water wordt bedoeld die lijn recht voor zich +uit, die evenwijdig loopt met den koers van de andere booten tot aan de +winboei toe.</p> + +<p>6. De partij, door wier schuld aanvaring of averij ontstaat, verliest +alle aanspraak op den prijs, tenzij de scheidsrechter, wegens het +onbeduidende er van, anders mocht beslissen.</p> + +<p><span class="pagenum" title="136"> </span><a id="p_136"></a></p> + +<p>7. Averij, niet door toedoen van mededingers geschied, geeft geen recht +tot reclame.</p> + +<p>8. In geval van aanvaring kan de scheidsrechter beslissen, dat de +mededingende partijen behalve die, door wier schuld de aanvaring is +geschied, nogmaals op denzelfden dag of op een nader bepaalden anderen +dag de geheele baan tegen elkander roeien.</p> + +<p>9. Alle geschillen betreffende den race, van de afvaart af tot aan de +aankomst aan de winboei worden beslist in hoogste instantie door den +Scheidsrechter of door eene Jury, bestaande uit een oneven aantal leden. +Reclames moeten dadelijk na aankomst worden ingediend.</p> + +<p>10. De beslissing, welke partij 't eerst de winboei bereike, komt toe +aan een op die hoogte geposteerden persoon.</p> + +<p>11. De leiding van den wedstrijd is opgedragen aan eene afzonderlijke +commissie, die de volgorde van het programma bepaalt, vaststelt over +welke zijde de booten om de boei van omvaart moeten gaan, en de +stuurlieden de noodige aanwijzingen geeft.</p> + +<div class="figcenter" style="width: 71px;"> +<img src="images/deco3.png" width="71" height="36" alt="decoratieve illustratie" /> +</div> + +<div class="TNbox"> +<a id="correctie"></a> + +<h2>Overzicht aangebrachte correcties</h2> + +<p>De volgende correcties zijn aangebracht in de tekst:</p> + +<table summary="correcties in tekst"> + <thead> + <tr><th>Plaats</th><th>Bron</th><th>Correctie</th></tr> + </thead> + <tbody> + <tr><td class="td2"><a href="#corr1">Blz. 3</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr2">Blz. 16</a></td><td class="td4" xml:lang="en">Chapionship</td><td class="td4" xml:lang="en">Championship</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr3">Blz. 17</a></td><td class="td4">engelschegoud</td><td class="td4">engelsche goud</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr4">Blz. 18</a></td><td class="td4" xml:lang="en">Campionship</td><td class="td4" xml:lang="en">Championship</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr5">Blz. 21</a></td><td class="td4"><sub>den</sub></td><td class="td4"><sup>den</sup></td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr6">Blz. 29</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr7">Blz. 31</a></td><td class="td4" xml:lang="en">Morlake</td><td class="td4" xml:lang="en">Mortlake</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr8">Blz. 32</a></td><td class="td4" xml:lang="en">RowingClub</td><td class="td4" xml:lang="en">Rowing Club</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr9">Blz. 32</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">,</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr10">Blz. 34</a></td><td class="td4">′</td><td class="td4">″</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr11">Blz. 34</a></td><td class="td4">[<i>Niet in Bron.</i>]</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr12">Blz. 38</a></td><td class="td4" xml:lang="en">ontriggers</td><td class="td4" xml:lang="en">outriggers</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr13">Blz. 38</a></td><td class="td4" xml:lang="en">swivling-rowlocks</td><td class="td4" xml:lang="en">swiveling-rowlocks</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr14">Blz. 44</a></td><td class="td4"><i> of </i></td><td class="td4"> of </td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr15">Blz. 46</a></td><td class="td4"><sub>e</sub></td><td class="td4"><sup>e</sup></td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr16">Blz. 54</a></td><td class="td4" xml:lang="fr">Joinville-le Pont</td><td class="td4" xml:lang="fr">Joinville-le-Pont</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr17">Blz. 55</a></td><td class="td4" xml:lang="de">Deichman</td><td class="td4" xml:lang="de">Deichmann</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr18">Blz. 63</a></td><td class="td4">Jui ste</td><td class="td4">Juiste</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr19">Blz. 66</a></td><td class="td4">op nieuw</td><td class="td4">opnieuw</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr20">Blz. 73</a></td><td class="td4">Plotsing</td><td class="td4">Plotseling</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr21">Blz. 74</a></td><td class="td4">begine</td><td class="td4">beginne</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr22">Blz. 81</a></td><td class="td4" xml:lang="en">beginniug</td><td class="td4" xml:lang="en">beginning</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr23">Blz. 85</a></td><td class="td4" xml:lang="en">slidingseat</td><td class="td4" xml:lang="en">sliding-seat</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr24">Blz. 92</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4">.</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr25">Blz. 106</a></td><td class="td4">onmiddelijk</td><td class="td4">onmiddellijk</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr26">Blz. 110</a></td><td class="td4"><sub>e</sub></td><td class="td4"><sup>e</sup></td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr27">Blz. 117</a></td><td class="td4">voorschriftenin</td><td class="td4">voorschriften in</td></tr> + <tr><td class="td2"><a href="#corr28">Blz. 135</a></td><td class="td4">,</td><td class="td4"></td></tr> + </tbody> +</table> + +</div> + + + + + + + + +<pre> + + + + + +End of the Project Gutenberg EBook of Nederlandsch handboek voor roeisport, by +Pieter Helbert Damst and Frans Eduard Pels Rijcken + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HANDBOEK VOOR ROEISPORT *** + +***** This file should be named 39035-h.htm or 39035-h.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + http://www.gutenberg.org/3/9/0/3/39035/ + +Produced by The Online Distributed Proofreading Team at +http://www.pgdp.net + + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +http://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH 1.F.3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, are critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at http://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at http://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit http://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including checks, online payments and credit card donations. +To donate, please visit: http://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + http://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. + + +</pre> + +</body> +</html> + diff --git a/39035-h/images/cap_d.png b/39035-h/images/cap_d.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..e66ec76 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/cap_d.png diff --git a/39035-h/images/cap_e.png b/39035-h/images/cap_e.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..c6b1a25 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/cap_e.png diff --git a/39035-h/images/cap_g.png b/39035-h/images/cap_g.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..c8532c9 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/cap_g.png diff --git a/39035-h/images/cap_h.png b/39035-h/images/cap_h.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..a630feb --- /dev/null +++ b/39035-h/images/cap_h.png diff --git a/39035-h/images/deco1.png b/39035-h/images/deco1.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..423fb80 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/deco1.png diff --git a/39035-h/images/deco2.png b/39035-h/images/deco2.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..e259002 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/deco2.png diff --git a/39035-h/images/deco3.png b/39035-h/images/deco3.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..e8ec95e --- /dev/null +++ b/39035-h/images/deco3.png diff --git a/39035-h/images/deco4.png b/39035-h/images/deco4.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..b052813 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/deco4.png diff --git a/39035-h/images/deco5.png b/39035-h/images/deco5.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..336a6ee --- /dev/null +++ b/39035-h/images/deco5.png diff --git a/39035-h/images/ill_fp-th.jpg b/39035-h/images/ill_fp-th.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..05d9a7c --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_fp-th.jpg diff --git a/39035-h/images/ill_fp.jpg b/39035-h/images/ill_fp.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..89a8860 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_fp.jpg diff --git a/39035-h/images/ill_p045.png b/39035-h/images/ill_p045.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..05a2ba9 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p045.png diff --git a/39035-h/images/ill_p047.png b/39035-h/images/ill_p047.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..a1562a6 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p047.png diff --git a/39035-h/images/ill_p053a.png b/39035-h/images/ill_p053a.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..92cab25 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p053a.png diff --git a/39035-h/images/ill_p053b.png b/39035-h/images/ill_p053b.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..9c7de6d --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p053b.png diff --git a/39035-h/images/ill_p063a.png b/39035-h/images/ill_p063a.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..0babf65 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p063a.png diff --git a/39035-h/images/ill_p063b.png b/39035-h/images/ill_p063b.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..d4bdbfd --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p063b.png diff --git a/39035-h/images/ill_p076.png b/39035-h/images/ill_p076.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..18c9841 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p076.png diff --git a/39035-h/images/ill_p077.png b/39035-h/images/ill_p077.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..ec59f6c --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p077.png diff --git a/39035-h/images/ill_p084.png b/39035-h/images/ill_p084.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..a8c2348 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p084.png diff --git a/39035-h/images/ill_p085.png b/39035-h/images/ill_p085.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..f26b2c1 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p085.png diff --git a/39035-h/images/ill_p086.png b/39035-h/images/ill_p086.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..8d1fd33 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p086.png diff --git a/39035-h/images/ill_p098.png b/39035-h/images/ill_p098.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..8b66ca9 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/ill_p098.png diff --git a/39035-h/images/title-th.png b/39035-h/images/title-th.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..6a1afd3 --- /dev/null +++ b/39035-h/images/title-th.png diff --git a/39035-h/images/title.png b/39035-h/images/title.png Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..04574fb --- /dev/null +++ b/39035-h/images/title.png diff --git a/39035-h/images/titlepage.jpg b/39035-h/images/titlepage.jpg Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..45457be --- /dev/null +++ b/39035-h/images/titlepage.jpg diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt new file mode 100644 index 0000000..6312041 --- /dev/null +++ b/LICENSE.txt @@ -0,0 +1,11 @@ +This eBook, including all associated images, markup, improvements, +metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be +in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES. + +Procedures for determining public domain status are described in +the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org. + +No investigation has been made concerning possible copyrights in +jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize +this eBook outside of the United States should confirm copyright +status under the laws that apply to them. diff --git a/README.md b/README.md new file mode 100644 index 0000000..d851a50 --- /dev/null +++ b/README.md @@ -0,0 +1,2 @@ +Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for +eBook #39035 (https://www.gutenberg.org/ebooks/39035) |
