summaryrefslogtreecommitdiff
diff options
context:
space:
mode:
authorRoger Frank <rfrank@pglaf.org>2025-10-15 02:13:22 -0700
committerRoger Frank <rfrank@pglaf.org>2025-10-15 02:13:22 -0700
commit8a46eedb6ab7b1dec7bf31a694a0ccbf39a8ddaa (patch)
tree58079b26e1bd0aaf1c2f0ec1bab2e1d82c4e0449
initial commit of ebook 24448HEADmain
-rw-r--r--.gitattributes3
-rw-r--r--24448-8.txt3511
-rw-r--r--24448-8.zipbin0 -> 83158 bytes
-rw-r--r--24448-h.zipbin0 -> 2379584 bytes
-rw-r--r--24448-h/24448-h.htm3395
-rw-r--r--24448-h/images/ia1909-137.gifbin0 -> 2876 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/ie1909-265.gifbin0 -> 2521 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/o1909-160.gifbin0 -> 689 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-137.jpgbin0 -> 41651 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-139.jpgbin0 -> 108337 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-140.jpgbin0 -> 90740 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-141.jpgbin0 -> 108231 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-144.jpgbin0 -> 103726 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-145.jpgbin0 -> 69759 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-148.jpgbin0 -> 99864 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-149-1.jpgbin0 -> 88211 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-149-2.jpgbin0 -> 50986 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-152-1.jpgbin0 -> 58472 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-152-2.jpgbin0 -> 104529 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-153.jpgbin0 -> 93165 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-156-1.jpgbin0 -> 70904 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-156-2.jpgbin0 -> 73639 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-157-1.jpgbin0 -> 77327 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-157-2.jpgbin0 -> 100168 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-160.jpgbin0 -> 28391 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-265.jpgbin0 -> 74556 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-268.jpgbin0 -> 93170 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-269-1.jpgbin0 -> 90920 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-269-2.jpgbin0 -> 103253 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-272.jpgbin0 -> 74025 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-273.jpgbin0 -> 92207 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-276.jpgbin0 -> 76433 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-277-1.jpgbin0 -> 75715 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-277-2.jpgbin0 -> 77645 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-280-1.jpgbin0 -> 75880 bytes
-rw-r--r--24448-h/images/p1909-280-2.jpgbin0 -> 81938 bytes
-rw-r--r--LICENSE.txt11
-rw-r--r--README.md2
38 files changed, 6922 insertions, 0 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes
new file mode 100644
index 0000000..6833f05
--- /dev/null
+++ b/.gitattributes
@@ -0,0 +1,3 @@
+* text=auto
+*.txt text
+*.md text
diff --git a/24448-8.txt b/24448-8.txt
new file mode 100644
index 0000000..2bacf32
--- /dev/null
+++ b/24448-8.txt
@@ -0,0 +1,3511 @@
+The Project Gutenberg EBook of Om en door den Peloponnesus, by B. de Jandin
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Om en door den Peloponnesus
+ De Aarde en haar Volken, 1909
+
+Author: B. de Jandin
+
+Release Date: January 28, 2008 [EBook #24448]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK OM EN DOOR DEN PELOPONNESUS ***
+
+
+
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+
+
+
+
+
+
+OM EN DOOR DEN PELOPONNESUS.
+
+Naar het Fransch van B. de Jandin.
+
+
+
+Als men voor de eerste maal in een onbekend land aan wal stapt,
+volkomen verschillend van de streken die men kent, gebeurt het niet
+zelden, dat de indrukken uit den eersten tijd het levendigst zijn
+en ook het meest juist blijken, omdat ze volkomen natuurlijk en
+spontaan zijn. Zoo is mijn indruk van de aankomst te Athene, waar ik
+de betrekking van attaché bij onze legatie zou waarnemen, diep in mijn
+geheugen gegrift. Ik was inderdaad bewogen door de oneindige majesteit
+van de ruïnen en de grootschheid der mij omringende herinneringen aan
+het verleden, maar veel dieper troffen mij nog de troostelooze dorheid
+van Attica, die cirkel van bergen, op welker kale toppen geen aasje
+van plantengroei zichtbaar is, de aanblik van die vlakte, uit niets
+dan stof en steenen bestaande, waar enkele vergroeide olijven hier en
+daar een plekje schaduw werpen, de dorre beddingen van de Kephisos
+en Ilissus vol brandend heete steenen en de droeve verlatenheid van
+een natuur die wonderlijk wel harmoniëert met de wankelende gebouwen
+der doode beschavingen.
+
+Daarentegen viel er te bewonderen de verrassende helderheid der
+atmosfeer, waardoor men met het bloote oog heel in de verte de minste
+oneffenheden van het terrein, de verschillende berggroepen en de
+minste bochten der rivier kan volgen. Dat mooie licht van het Oosten,
+die vlammengloed der zon, schept de heerlijke kleuren van zacht rose
+tot geel, van geel tot rood, tot violet en donkerblauw, die leven
+bijzetten aan het antieke marmer der tempels en over de witte,
+schitterende gebouwen van het moderne Athene een glans spreiden,
+waardoor ze passen bij het warm getinte geheel.
+
+De meeste Hellenen, aan wie ik mijn gewaarwordingen meedeel, vertellen
+mij, dat er in hun land streken zijn, waar de natuur zich minder
+zuinig toont met haar goede gaven dan in de buurt der hoofdstad. "Ga
+naar den Peloponnesus," voegen ze mij toe, "daar zult ge platanen
+vinden en eiken bij duizenden; ge zult door provincies reizen, waar
+ge slechts met moeite u door de planten een weg kunt banen, ge zult
+wouden aantreffen van moerbeiboomen en olijven, en ge zult er de
+vreemdste indrukken krijgen van een beschaving, die nog primitief is,
+gevoegd bij de genietingen, u verschaft door de stralende zuiverheid
+van onzen hemel en de pracht van onze ruïnen."
+
+En ziehier hoe het komt, dat ik na een vol jaar verblijvens in Athene,
+moe van het woestijnachtige landschap, besloot om, zonder mij te
+bekommeren om de overdrijving, eigen aan het grieksche volkskarakter,
+waardoor ze alles bekijken in een licht, dat wel wat lijkt op dat van
+hun neven te Marseille, in Morea eens te zien of werkelijk Griekenland
+geen vervolg is op de Sahara in Europa. Ik verkreeg gemakkelijk van
+mijn chef verlof, eenige dagen op reis te gaan, en zoo ben ik op een
+stralenden lentemorgen op weg naar den Piraeus, waar ik de boot zal
+nemen, die mij naar Korinthe zal voeren.
+
+Het is Goede Vrijdag, op het uur, waarop de menigte der geloovigen
+te Athene en in den Piraeus naar de byzantijnsche kerken begint te
+stroomen, die gewoonlijk microscopisch klein zijn en waar al gauw
+de ondragelijke waslucht zich vermengt met slechte odeurs en een
+verstikkende hitte. Het is nog geen zeven uur, en reeds zitten de
+café's aan de haven vol menschen. Sommigen slurpen met kleine teugjes
+de beroemde donkere koffie uit het Oosten, die op elk uur van den
+dag en den nacht welkom is; anderen stellen zich tevreden met een
+glas frisch water; de meesten gebruiken in het geheel niets of rooken
+rustig hun narghilé, die op het trottoir staat.
+
+Want werkelijk wordt hier een café beschouwd als een openbare plaats,
+waar ieder vrij mag binnengaan, zonder daarom gehouden te zijn, er
+iets te gebruiken. Het is de moderne agora, waar de Griek, die in dat
+opzicht de overlevering der Ouden heeft behouden, langen tijd kan
+zitten in de drukte van hartstochtelijke politieke discussies. De
+plaatselijke bladen of de couranten van de hoofdstad zijn in aller
+handen, en luidruchtig laat men de vragen van den dag die voor
+het oogenblik de openbare aandacht boeien, over de tong gaan. Het
+geknoeide papier gaat van de eene hand in de andere; hier uit er
+een zenuwachtig zijn verontwaardiging, daar slaat er een ander de
+bloedige daden van Bulgaren en Macedoniërs aan den schandpaal, en
+ginds roept er een de regeering ter verantwoording, wier vrienden en
+vijanden elkander met felle woorden te lijf gaan. Die menschen worden
+werkelijk dronken van hun eigen woorden; hoe minder ze drinken, des
+te opgewondener worden ze. Hoe zou het wel zijn, als ze al den tijd,
+dien ze aan hun tafeltjes doorbrengen evenals in het Noorden velerlei
+soorten van gegiste dranken gebruikten!
+
+Intusschen heeft het rijtuig mij afgezet bij de aanlegplaats in den
+Piraeus, welke pier vernuftig is gebouwd bij de uitmonding van een
+riool. De kleine schoenpoetsers of loustroi, die in Griekenland uit
+het plaveisel zelf schijnen op te komen, dringen om mij heen in de
+hoop, mijn schoeisel onder handen te mogen nemen, dat toch volkomen
+vlekkeloos is, en de roeiers betwisten elkaar onder een concert van
+vloeken de twijfelachtige eer, mij naar het schip te brengen. Enkele
+riemslagen bevrijden mij van die ondernemende lieden en weldra beklim
+ik de wankele trap, hangend langs de zijde van de Haghios-Nikolaos,
+op het punt van naar de landengte te vertrekken. Daar de overtocht
+maar kort zal duren, behoef ik mij gelukkig niet te bekommeren om het
+krijgen van een hut, als men dien naam mag geven aan de ongemakkelijke
+hokjes van het tusschendek rondom de algemeene tafel en daarvan alleen
+gescheiden door een gordijn. Snel loop ik door de bonte menigte,
+die in de gangpaden staat en begeef mij naar het dek, waar ik hoop
+te ontkomen aan de verschillende uitwasemingen om mij heen.
+
+Helaas, ik ontvlucht de menschen, om bij de dieren aan te
+landen! Honderden schapen en lammeren, die al sedert den morgen
+aan boord zijn, worden met ons naar Korinthe vervoerd, om er
+den volgenden dag te worden geslacht en het Paaschmaal te vormen
+voor de Palikaren. Onmogelijk een plaatsje te vinden te midden
+van de kudde, die het dek in een viezen, stinkenden poel heeft
+veranderd. Vastbesloten, zooveel mogelijk van den overtocht te
+profiteeren, bespeur ik daar tot mijn groote vreugde een ledig vat,
+dat door een gezegend toeval in een hoek is blijven staan. Ik baan mij
+een doortocht door de dichte groepen van mijn zonderlinge reisgezellen,
+en dan mijn valies achter in de ton zettend, kruip ik in die grappige
+schuilplaats en ben daardoor beveiligd tegen een hinderlijke buurschap,
+terwijl de geest van Diogenes om mij waart.
+
+Al spoedig begint de schroef te wentelen; langzamerhand beginnen de
+praatjes. Men wijst elkaar met den vinger den Gallos, den Galliër, die
+daar zit uit te kijken, en ik kan wel gissen, dat ze mijn denkbeeld
+vreemd vinden, om zoo den overtocht van drie uren te doen. Maar
+dat kan mij niet schelen; ik ben nu in de beste luim en geniet van
+de schoonheid van het tooneel rondom mij. Badend in de morgenzon,
+wordt de vlakte van Athene al kleiner achter ons. Op den achtergrond
+van den kring van Parnassus, Pentelicon en Hymettus teekent zich de
+voorgevel van het Parthenon schitterend af tegen het blauw van den
+hemel, terwijl rechts de verlaten en rotsachtige oevers van Salamis
+voorbijgaan en links het eiland Aegina, beheerscht door de zuilen van
+zijn beroemden tempel, als een vooruitgeschoven post den weg naar de
+Cycladen verspert. De lucht is ijl, en het diepe donkerblauw van de zee
+vertoont hier en daar sierlijke zuilen of rookpluimen van stoombooten.
+
+Reeds gewonnen door de glanzende schoonheid van de oostersche natuur,
+begin ik onder de bekoring te komen van een groote intellectueele
+rust. Hoe heerlijk is het, met niet anders dan een paard, een valies en
+een goede deken door de wijde ruimten te trekken, te kunnen stilhouden,
+waar men wil, te slapen, waar de nacht u overvalt, te droomen onder
+olijven aan den oever van een zingend beekje, terwijl een boer in de
+buurt langzaam het grieksche lied neuriet, dat den grooten strijd
+voor de onafhankelijkheid in het geheugen roept. De hitte van den
+middag doet zelfs het snerpend gepiep van de krekels zwijgen, en
+onderwijl treden ons voor den geest de Oudheid met haar legenden,
+de Middeleeuwen en de fransche heldenzangen van een Villehardouin
+en Champlitte. Men ontmoet bij iedere schrede het onverwachte, ja,
+waarlijk hier is stof, die hart en geest in feeststemming brengt van
+dengene, die, als ik, gezonde en sterke ontroering zoekt en ze hoopt
+te vinden in dit land, dat vroeger werd verhelderd door burgerdeugd
+en moed en door den eenvoud van zeden der Spartanen, wier stoïsche
+lijdzaamheid het, tusschen twee haakjes, goed zal zijn na te volgen.
+
+Terwijl ik zoo aan het droomen ben, passeeren wij de westpunt van
+Salamis; op groote hoogte gaat langs de berghelling een trein van
+de lijn Patras-Athene; de rook teekent de duizenden bochten van de
+steile oevers en blijft lang zichtbaar in de stille lucht. Dan wordt
+de kust lager; we komen bij de landengte in het gezicht van Kalamaki,
+een ellendig visschersdorp, bij den ingang van het kanaal, waar we
+eenige oogenblikken moeten stoppen voor de vereischte formaliteiten
+van de doorvaart.
+
+Van hier gezien, maakt het kanaal van Korinthe werkelijk een
+zonderlingen indruk. Twee wanden, zoo loodrecht, dat de breedte der
+spleet boven bijna niet breeder is dan beneden, ter gemiddelde hoogte
+van 50 meter, begrenzen den zes kilometer langen doorgang, die 22
+meter breed is en door den gelen, onvruchtbaren grond loopt tusschen
+de Saronische Golf en die van Lepanto aan de andere zijde, daarginds
+waar men het uitzicht heeft op de bergen van Phocis. Alles is rustig,
+alleen wordt de stilte verbroken door het geblaat van de lammeren,
+die te Kalamaki wachten op het voorbijgaan van de eene of andere boot
+en hun smart schijnen mee te deelen aan de trieste collega's van de
+Haghios Nikolaos.
+
+Eindelijk gaat de stoomfluit; de rechten zijn geïnd, wij varen het
+kanaal binnen; plotseling verdwijnt de zon, alsof er een gordijn
+voor werd getrokken; we gaan met zeer langzame schroefslagen vooruit,
+want de diepte van het kanaal is zoo gering, dat men ieder oogenblik
+moet vreezen, aan den grond te raken. Ik heb later zelfs vernomen,
+dat tijdens de vaart het verstandig is te zwijgen, terwijl de fluit
+zich niet mag laten hooren, en dat wel om de weinige stevigheid
+van de wanden, die, in vrij losse aarde aangelegd, de bedoelde
+steile afsluitingen vormen en met het oog op de zuinigheid zoo zijn
+gebouwd. Alles aan deze onderneming trouwens verraadt de zorg, die men
+had, om geen te groote kapitalen aan te spreken. Het faillissement van
+de maatschappij, die reeds in 1822 met de werkzaamheden was begonnen,
+onder de leiding van den hongaarschen generaal Türr, onlangs gestorven
+na een leven van buitengewone avonturen, heeft zeker de helleensche
+maatschappij voor oogen gestaan, toen ze eindelijk, zoo goed en zoo
+kwaad, als het ging, het denkbeeld volvoerde van de doorboring van
+de landengte, dat Nero al koesterde.
+
+De zaak is inderdaad altijd treurig geweest en is dat nog; er gaan
+niet veel schepen door, want het gevaar van vastraken maakt het voor
+schepen van niet al te weinig tonneninhoud onmogelijk, zich te wagen
+aan de doorvaart van die slecht onderhouden en zelden uitgebaggerde
+wateren. Ze geven er altijd de voorkeur aan, als ze zich van de eene
+zee naar de andere willen begeven, den Peloponnesus om te varen
+en de meerdere uitgaven goed te maken door een lading van grooter
+waarde zonder gevaar voor stranding en zonder tolrechten. Zoodat de
+onderneming moeite heeft, rond te komen, haar agenten te betalen,
+voor de verlichting van haar vuurtorens te zorgen en de andere kosten
+te dragen en dat ieder vooruitzicht op verbetering, dat noodzakelijk
+kosten mee moet brengen, moet worden ter zijde gesteld op straffe
+van dadelijk faillissement.
+
+Intusschen gaat de Haghios Nikolaos voorzichtig verder. Daar hebben
+we de brug, waar de spoorweg naar Korinthe over gaat; wij kunnen
+enkele herders over de leuning zien hangen, om in de diepte te kijken
+en ons nieuwsgierig te beschouwen, want de aanblik van een schip,
+dat door het kanaal vaart, is zeldzaam genoeg, om de aandacht te
+trekken. Eindelijk wordt het scherm, dat ons van de wereld afscheidt,
+lager; de betrekkelijke duisternis, waarin wij gedompeld waren,
+maakt langzamerhand plaats voor helder licht en weldra voor den
+fellen zonneschijn, toen ons schip uit de kloof te voorschijn kwam,
+om zich dadelijk links te wenden naar het dichtbij zijnde Korinthe.
+
+Die eertijds zoo beroemde stad maakt van hier een klagelijken indruk;
+ik zie, naarmate we nader komen, een opeenhooping van lage huizen,
+die een 4000 of 5000 menschen kan herbergen, eenige straten zonder
+trottoirs, een ellendig station, alles grijs en somber van tint. De
+omstreken van de landengte aan dezen kant van het kanaal zijn al even
+woestijnachtig als aan de zijde van de Saronische Golf. Tegenover
+Korinthe verrijst een groote, akelig kale berg, aan welks voet Loutraki
+ligt; achter de stad naar het Zuiden staat de indrukwekkende rots
+van den Akrokorinth. Maar de kust naar het westen is groen, want daar
+beginnen de wijngaarden, waar men binnen enkele maanden de heerlijke
+korinthische druiven zal oogsten, de kleine, die als krenten het
+hart van iedere goede angelsaksische huishoudster verheugen. Het is
+elf uur in den morgen; de boot gaat nu niet meer vooruit dan met de
+reeds verkregen snelheid, en ofschoon we nog niet geheel stil liggen,
+kan het koeltje uit zee maar juist genoeg de hitte temperen van de
+in Griekenland reeds brandende Aprilzon. Wat zal het zijn, als ik
+straks den Akrokorinth zal bestijgen?
+
+Plotseling klinkt een geluid van het ontrollen van een ketting;
+men heeft het anker uitgeworpen; dus wordt het tijd, dat ik mijn vat
+verlaat. Ik stap over de poelen van het dek en daal af naar de lagere
+terreinen, waar de gewone luidruchtigheid heerscht, die bij elke
+lading in dit land voorkomt. Ieder haast zich naar de veelkleurige
+zakken en pakken, die in vuile poelen en vet rondslingeren, van
+alle kanten hoort men uitroepen, en de buitensporigste bewegingen
+doorklieven de lucht. Men baant zich een weg en duwt zonder omslag
+ieder, die het ongeluk heeft u in den weg te komen. Ik doe als de
+anderen, maar rustiger, en eindelijk ben ik daar, waar de booten
+wachten op passagiers, om hen naar den wal te brengen. En weer zijn
+er hevige disputen te midden van de onontwarbare roeiriemen, die hun
+best doen, om zoo dicht mogelijk tot de scheepsladder te naderen,
+dienstaanbiedingen met de hand op het hart, smeekende "kyrie's", in
+één woord de strijd om de drachmen in al zijn rauwe werkelijkheid. Een
+bonte menigte vult de booten, en na enkele oogenblikken ben ik aan
+land ten prooi aan een wolk van loustroi of dragers, die mij alles
+ontnemen zouden, wat ik bij mij heb, als ik er mij niet met hand en
+tand tegen verzette.
+
+Het door mij gekozen hotel leek nog al goed, en de eigenaar, die een
+beetje Fransch brabbelt, meent mij te moeten ontvangen met vurige
+betuigingen van toewijding, die ik afsnijd door terstond naar den
+Akrokorinth te vertrekken, voorzien van eenig proviand, dat ik onderweg
+denk te gebruiken.
+
+Ik neem plaats in een van die ouderwetsche landauers, met wapens
+overdekt, waarmeê men zegt, dat de Duitschers een groot deel van
+de krenten, die ze koopen, betalen. Die ongelukkige voertuigen,
+die ongetwijfeld in hun jeugd de menschen hebben gereden die men tot
+de grooten der aarde rekent, hebben inderdaad hier op de gruwelijke
+wegen van Griekenland, waar ze spoedig geruïneerd zijn, een treurig
+einde. En terwijl ik bij het rijden door de stad aan dien droevigen
+loop der dingen hier beneden denk, wordt mijn aandacht plotseling
+getrokken door een gebouw van bescheiden voorkomen met groote
+staven voor de vensters. Het schijnt de gevangenis van Korinthe te
+wezen, maar men moet het mij uitdrukkelijk zeggen, eer ik het kan
+gelooven. Achter de tralies staan halfnaakte mannen te kijken naar
+de kleine voorvallen op straat; ze schelden op de voorbijgangers,
+die ze kennen, en vragen aan de vreemdelingen om aalmoezen. In de
+vuile, donkere zalen zijn sommigen bezig in de afschuwelijk slechte
+lucht kleine houten voorwerpen te maken, anderen, die luier zijn,
+rooken kalm hun sigaret, hun door vrienden gebracht. En de ambtenaar,
+die het toezicht heet te houden over deze interessante wereld, wandelt
+onverschillig heen en weer; hij heeft zijn geweer binnen neergezet en
+maakt nu en dan vóór zijn wachthuisje een praatje met de gevangenen,
+den elleboog leunend op de vensterbank. Dat lijkt al heel weinig op
+een repressiemaatregel, als men zoo'n vrijheid toelaat, en ik vermoed,
+dat de bedreiging met deze gevangenis niet veel indruk zal maken op
+het gemoed van de lieden. Het moet erkend, dat het juist zoo gaat
+bij bijna alle volken van het Zuiden, waar alles huiselijk toegaat in
+die dingen, en waar het met de zedelijkheid toch niet zooveel erger
+of beter is gesteld dan in onverschillig welk noordelijk land.
+
+We bevinden ons enkele oogenblikken later op den weg, die naar
+het sombere plaatsje voert, dat Paleo-Korinthos heet, en waar een
+aardbeving in het midden van de vorige eeuw groote verwoestingen
+aanrichtte, waarna het tegenwoordige Korinthe aan zee is gebouwd. Van
+de grootheid uit veel vroegeren tijd is niets meer over; de stad van
+300 000 inwoners, wier roem de gansche wereld vervulde, al viel er
+misschien wel wat op af te dingen, is door de aanvallen der barbaren,
+Franken en Turken, zoo goed als met den grond gelijk gemaakt, zoo dat
+enkel een paar zuilen van een tempel, die, denkt men, aan Aphrodite
+gewijd was, nog een rest zijn van oude glorie.
+
+Daar draait mijn koetsier, mijn amaxa, zich om, ten einde er mij
+opmerkzaam op te maken, dat we nu op het plateau komen; plotseling
+zie ik de roode zuilen van den tempel te voorschijn komen met den
+machtigen Akrokorinth op den achtergrond. De gekanteelde muren, die van
+beneden zichtbaar zijn, steken tegen den vlammenden hemel af: "Poly,
+poly aureo, zeer, zeer mooi!" roept mij de waardige Helleen toe, met
+alle teekenen van een echte geestdrift, die inderdaad gevoeld wordt,
+en waarin de hartgrondige wensch zich uit, dat ik zijn kinderlijke
+bewondering voor de nationale schoonheden moge deelen.
+
+Ik heb vaak opgemerkt, dat de Griek, tot welke klasse van de
+maatschappij ook behoorend, vast overtuigd is, dat alles, wat er op
+den bodem van zijn geboorteland te vinden is, prachtig en heerlijk is,
+zonder weerga, en dat, als de vreemdeling het daar niet mee eens is,
+hij zich schuldig maakt aan de misdaad van Hellenisme-schennis. Dat
+is een zeer lofwaardig vaderlandsch gevoel, gevoegd bij een
+kinderlijkheid, die een der kenmerken is van het ras. Mijn gids is zich
+zonder twijfel maar zeer flauwtjes bewust van de redenen, die hem in
+opwinding brengen; maar hij geeft er zich heel goed rekenschap van,
+dat hier een vreemdeling is en dat die man volstrekt in geestdrift
+moet worden gebracht en dat hij daar duidelijk blijken van moet geven.
+
+Het landschap is trouwens van zulk een woeste schoonheid, dat het
+mij geen oogenblik moeite kost, om in den toon te blijven; ik stap
+uit het rijtuig en wachtend tot het paard, dat mij aanstonds het
+steile pad van den Akrokorinth zal opvoeren, is aangekomen, zet ik
+mij er toe, om eer aan te doen aan de harde eieren, mij door mijn
+hoteleigenaar meegegeven. Overal zie ik heidestruiken, waaronder zich
+graven en doodengrotten verbergen; ik koos een der heuveltjes uit,
+mogelijk wel dat, waar Paulus volgens de overlevering zijn Brief
+aan de Korinthiërs heeft geschreven. Die hadden, naar het schijnt,
+behoefte aan een zedepreekje, om hen in hun weelde wat in toom te
+houden. De Korinthiërs van tegenwoordig zouden niet veel hebben aan
+een dergelijke toespraak. Over dat alles dacht ik bij mijn frugaal
+ontbijt onder het gesjirp der krekels, die dronken waren van den
+zonneschijn en het warme heidekruid.
+
+De velden zijn bijna geheel verlaten; alleen ploegen twee ossen,
+gespannen voor een primitieven ploeg, een armoedig stukje grond;
+overal elders is het land verlaten. De landverhuizing, die de hooge
+plateau's van den Peloponnesus ontvolkt, begint hier ook al haar
+uitwerking te doen gevoelen; de economische crisis, die de laatste
+jaren op de druiven van Korinthe heeft gedrukt, heeft reeds een deel
+van de noordkust ontvolkt. En toch is de bodem hier minder dor en
+onvruchtbaar dan in de streken van het midden, waar de grond zijn
+bewoners niet kan voeden, zoodat ze in massa hun land verlaten,
+om naar Amerika te gaan in de hoop, daar een spaarduitje te kunnen
+maken. Ze houden verblijf in de groote steden van het Noorden en
+houden er zich bezig met de kleine bedrijven, bij voorbeeld dat
+van bloemenverkoopers. Daar ze zeer matig zijn en weinig behoeften
+kennen, bovendien verstandig en zuinig, gebeurt het niet zelden, dat
+ze na een vijf- of tiental jaren terugkomen met de enkele duizenden
+drachmen, waarvan ze zullen kunnen leven. Want al die emigranten, in
+tegenstelling met Italianen en Angelsaksers, keeren terug; men zal ze
+zelden of nooit zich zien vestigen in het vreemde land; hun familie
+blijft in Griekenland en niets is roerender te zien dan het geduld,
+waarmee de vrouwen en kinderen en de grijsaards hopen op den terugkeer
+van dengene, die hun droevig lot van ontbering zal verbeteren.
+
+In dien tusschentijd kwijnen de stumpers in ellende; het lijkt wel, dat
+in sommige dorpen geen enkel valide man is overgebleven; de velden zijn
+verlaten en de landen blijven braak liggen, ook als er zeer goed iets
+op kon worden verbouwd. Het gaat maar net, om een vergadering van den
+gemeenteraad te vullen of een stembureau, als er een verkiezing voor
+de vertegenwoordiging moet plaats hebben. Die toestand is ongetwijfeld
+nadeelig voor de normale werking van de instellingen van het rijk;
+maar hij heeft nog veel nadeeliger gevolgen uit economisch oogpunt,
+want meer en meer blijkt, dat niet het aantal over de welvaart beslist,
+maar het gebruik, dat van de natuurlijke hulpbronnen van een land
+wordt gemaakt.
+
+De grieksche regeering heeft wel getracht, maar te vergeefs, door
+de wetgeving die beweging tegen te houden, maar ze moest, om tot
+eenig resultaat te komen, liever de levensomstandigheden verbeteren,
+den ondernemingsgeest aanmoedigen, kapitalen tot zich trekken. Maar
+allen, die in Griekenland zijn geweest, zullen met mij moeten erkennen,
+dat die taak boven haar krachten gaat, ten minste voor het oogenblik,
+en ik zie nog geen afdoend middel in het verschiet tegen de plaag der
+landverhuizing, die verwoestend werkt, nu ze niet door overbevolking
+noodzakelijk is, en die een ramp wordt voor den Peloponnesus en vele
+andere provincies van het rijk.
+
+Terwijl ik zoo aan het mijmeren ben, verschijnen mijn paard en
+zijn agoyaat, die het dier geleidt en er ook meestal de eigenaar
+van is; hij blijft erbij al den tijd, dat de verhuring duurt en
+brengt het dan naar het punt van vertrek terug. "Kalimera sas,
+kyrie, goeden dag, Mijnheer!" roept de nieuw aangekomene mij toe
+en reikt mij de hand, want dit democratisch land is er ook een van
+vriendschapsbetuigingen. En hij begint een lang gesprek, dat nog
+voortduurt terwijl we al lang onderweg zijn.
+
+Deze manier van reizen, waarmee ik reeds kennis had gemaakt
+het vorig jaar in het vastelandsche Griekenland, is al bijzonder
+ongemakkelijk. Men stelle zich een zadel voor, dat in sommige opzichten
+gelijkt op het toestel, dat voor de circuspaarden in gebruik is, maar
+dan minder vlak, bestaande uit een samenstel van stukken gebogen hout,
+die, zoo goed en zoo kwaad als het gaat, het lichaam van het muildier
+omsluiten, met een duidelijke helling van den hals naar achteren. De
+breedte is zoo groot, dat de beenen buitengewoon ver van elkander
+zijn, wat op den duur lastig wordt; men zit op een roode deken van
+grof weefsel en steunt de handen op de beide steunende handvatsels,
+die bevestigd zijn aan den boog van het zadel boven den hals van
+het paard, de voeten rusten in strikken van touw, die stijgbeugels
+verbeelden, en zoo laat men zich schudden over de slechte wegen op het
+martelinstrument en naar het welgevallen van een dier, dat nooit zich
+erin schikt ergens te loopen, waar het niet verkiest te gaan. Ik kan
+zonder overdrijving zeggen, dat twee uren van zulk rijden voldoende
+zijn om iemands ribben te breken. Hoe is het mij gelukt, het tien
+en zelfs vijftien uren achtereen vol te houden? Dat zijn inderdaad
+heldendaden geweest, die voor de stevigheid van mijn organisme pleiten.
+
+Na een uur stijgens over een in de rots uitgehouwen weg, langs weinig
+geruststellende afgronden, kom ik, zonder dat het uitzicht mij is
+benomen door een enkelen boom, die dien naam verdient, op het plateau,
+dat ter hoogte van bijna zeshonderd meter boven de zee de zonderlingste
+opeenhooping van gebouwen draagt, die ik ooit heb gezien. Dat komt
+doordat sinds de vroegste tijden tot de gedenkwaardige gevechten van
+den vrijheidsoorlog dit plateau beurtelings tot schuilplaats heeft
+gediend voor de Pelasgen, de Franken, de Venetianen en de Turken.
+
+Er is daar een ware chaos van ruïnen uit allerlei tijden;
+venetiaansche muren, tegenwoordig nog in zeer goeden staat, staan naast
+overblijfselen van christelijke kerken, opgericht in de oudste tijden
+van het christendom met de materialen van de heidensche tempels. Iets
+verder vindt men de versterkingen van den Islam, fondamenten van
+paleizen en moskeeën, op hun beurt gebouwd van antieke resten uit de
+christenkerken. Ik ga voorbij de beroemde fontein, waarop Bellerophon
+Pegasus aangrijpt; die later alle leidingen vulde, nu half verstopt,
+die men overal ontmoet binnen de muren van de vesting. Van hoeveel
+woelingen en omwentelingen verhalen aldus de steenen, die getuigen
+waren van zooveel plechtigheden, zooveel losbandigheid ook en mogelijk
+deel hadden aan zooveel heldendaden! En daar te midden van de ruïnen,
+die, om zoo te zeggen, de ver teruggeweken eeuwen grijpbaar maken,
+doet zich plotseling een tooneel uit het moderne Griekenland aan mij
+voor. Een oude vrouw zie ik, gekleed in den langen witten mantel zonder
+mouwen, die veel gelijkt op dien, welken de montenegrijnsche vrouwen
+dragen, een doek over het hoofd, het benedengelaat op zijn Turksch
+gesluierd; zij trekt een ezel aan een touw, die een kleinen voorraad
+hout voor haar draagt. De oogst is zoo gering, want er zijn haast
+geen boomen hier, en de vrouw schijnt in de algemeene verlatenheid al
+even arm als het land dat ze moet bewonen. Dat treffende beeld van
+de economische moeilijkheden van het moderne Griekenland, waarop ik
+nog van tijd tot tijd zal moeten terugkomen, voegt zich bij de vorige
+indrukken en in vrij melancholieke stemming hijsch ik mij van steen
+tot steen omhoog tot het hoogste punt van de acropolis.
+
+De ligging van den Akrokorinth tusschen twee zeeën op den drempel van
+den Peloponnesus en op de grenzen van het vastelandsche Griekenland
+maakt, dat men van de hoogte daar een wonderlijk feëriek schouwspel
+geniet. Aan mijn voeten de witte vlakte, waarop in een wolk van
+stof het oude en het nieuwe Korinthe liggen; hier en daar enkele
+groene plekken, olijvenbosschen of wijngaarden, de smalsporige lijn
+van den ijzeren weg, die aan den eenen kant naar Kalamata en aan den
+anderen naar Patras gaat, dan de blauwe wateren van de beide golven,
+gescheiden door den gelen drempel van de landengte, en verder de
+rechte lijn van het kanaal, dat die laatste doorsnijdt. Meer op den
+achtergrond de bergen van Phocis, Boeotië en Dorië, de Kitheron, de
+Helicon en de top van den Parnassus, die om dezen tijd nog wit is en
+dien ik reeds heb bezocht bij mijn tocht naar Delphi, zoodat ik hem
+een vriendschappelijken groet van herkenning toezend.
+
+Naar het Oosten de Saronische Golf en de Aegeïsche Zee, bezaaid met
+eilanden, die nu door de naar den kant van Patras dalende zon met licht
+worden overgoten; ze rijzen uit zee in een feest van stralenden glans,
+kaal en dor, maar in zoo zuivere lijnen en zoo sober, dat ze bij die
+ongeloofelijke helderheid der atmosfeer een uitstraling schijnen der
+schoonheid zelve. Daar is Aegina, herkenbaar aan den kegelvormigen
+top, Salamis, dat den ingang afsluit van de baai van Eleusis en
+gedeeltelijk met het vasteland samenhangt. Boven de kale bergen van
+het eiland zie ik de bekende Pentelische hoogten; ik kan de wittere
+plekken onderscheiden van de schitterende marmeren gebouwen van de
+acropolis van Athene en de bontheid van de kapel van den Lycabettus;
+de kust van Attica rekt zich als een eindeloos voorgebergte naar den
+kant van Azië, naar die nog niet bevrijde deelen van de helleensche
+wereld, die in den vuurtoren van kaap Sunium een baken kunnen zien,
+dat hun vertrouwen in de toekomst geeft, omdat hij den reeds vrijen
+grond van het vaderland aanwijst. Achter mij verrijzen in onrustige
+gelederen de bergen van den Peloponnesus, de hoogten van Argos,
+die ik morgen zal bereizen, die van Achaja en Arkadië, door tallooze
+dalen doorsneden, die al donker zijn, en heel in de verte de grootsche
+bergen van den Taygetos en den Erymanthos, waar de blik wordt gestuit.
+
+Intusschen is mijn agoyaat gekomen; hij raakt mijn schouder aan, en
+mij wijzend op de ondergaande zon aan den horizon, tracht hij mij te
+doen begrijpen onder een dolzinnig gelach, dat het hem noodig schijnt
+om het voorbeeld van rust te volgen. En inderdaad het is drie uur en
+ik wil nog, eer ik naar Korinthe terugkeer, een blik werpen op de
+oude necropolis. "Embros, vooruit!" zeg ik tot mijn gezel, en daar
+zijn we weer te midden van de waggelende steenen, waarboven de wind
+klagelijk door de toppen van armelijke dennen suist. Weldra is de
+laatste muur gepasseerd; daar is de weg weer met de rollende steenen,
+die nog lastiger zal wezen bij het dalen, dan hij reeds was bij het
+stijgen; ieder oogenblik glijdt mijn ezel met de vier pooten uit op
+een al te gladden steen, en ondanks al, wat men mij heeft gezegd te
+Athene over de vertrouwdheid van die dieren, meet ik met al grooter
+wordende ongerustheid bij elken misstap de diepte van den afgrond,
+waarlangs we rijden en waarin ik mijzelven al zie neerstorten.
+
+Maar aan alle ellende komt een einde; een uur later hebben we het
+rijtuig weer bereikt, dat te Palaeo-Korinthos op mij had gewacht en
+dat mij over Hexamilia en Isthmia naar Korinthe moet terugvoeren. Ik
+zeg mijn muilezel vaarwel en groet den geleider, na aan dien laatste
+in de herberg een glas raki te hebben gepresenteerd, een soort van
+brandewijn, die heel uit de verte aan onze anisette herinnert, maar
+veel sterker is en minder lekker. Men gebruikt dien drank met een
+paar olijven in olie, en hij is ten minste eenigszins drinkbaar. Dat
+kan ik tot mijn spijt niet zeggen van de afschuwelijke brouwsels,
+die men mij nu en dan in den loop van mijn reis heeft voorgezet. De
+raki was dan in die moeilijke omstandigheden, als ik vóór alles zorg
+moest dragen de gevoeligheid van de brave lieden niet te kwetsen,
+een uitkomst, de gemakkelijke drank, die mij altijd in staat stelde
+mijn glas te ledigen op de gezondheid van mijn gastheeren en op de
+glorie van Hellas.
+
+Een oogenblik later rijd ik naar Hexamilia, een ellendig gehucht, dat
+men bereikt na den spoorweg te zijn overgegaan, die van Nauplia in de
+laatste jaren voortgezet is door den geheelen Peloponnesus tot Sparta
+en Kalamata. Op een der heuvels, die zich in grooten getale rechts en
+links van mijn weg verheffen, rijst op vier palen een landelijk hutje
+hoog boven den grond. Het dient om de herders voor de barheid van
+het weder te beschutten en maakt den indruk van een dier primitieve
+constructies, bedacht door de inboorlingen van Centraal-Afrika, om
+zich voor nachtelijke aanvallen van wilde dieren onbereikbaar te maken.
+
+De velden langs den weg bevatten alle graven, waarin men zooveel
+van die mooie aardewerkfiguurtjes heeft gevonden, die bij ons
+onder den naam Tanagrabeeldjes bekend zijn; er is geen wijngaard,
+geen stuk gronds, waar men niet van die uitgegraven plekken ziet en
+dat wel over een afstand van bijna tien kilometer tot aan de plaats
+der oude isthmische spelen, die alle drie jaren werden gehouden in
+den tijd der korinthische grootheid, binnen de groote heiligdommen
+van Poseidon. Ongelukkig is mijn archeologische kennis gering en
+een beetje verward, wat mij niet belet, belang te stellen in die
+ingestorte tempeldeelen en die resten van theaters, die zelf al lang
+verdwenen zijn onder venetiaansche bouwwerken en turksche, op hun beurt
+weggevaagd. In de verte zie ik de plaats, waar de haven Kenkhreus lag
+aan de Sardonische Golf, oudtijds vereenigd met die van Lechaion achter
+in de golf van Lepanto door een vernuftig stelsel van houten rails,
+waarover men de booten kon laten glijden, die de landengte wilden
+passeeren. De scheepvaart in het moderne kanaal moge vol hinderlagen
+wezen, ze is dan toch een vooruitgang op die manier van vervoer,
+al ontbrak daar geen verrassende originaliteit aan.
+
+Het was bijna geheel avond geworden toen ik te Korinthe aankwam,
+dat op dezen dag vol hing met reukjes van uien en gebak, vermengd met
+allerlei nog minder aangename geuren. De orthodoxe vasten is inderdaad
+zeer streng en wordt over het algemeen trouw in acht genomen, niet
+enkel in de weken, die aan Paschen voorafgaan, maar ook in den tijd
+van Kerstmis en Maria-Hemelvaart. Zoo hebben de Grieken drie perioden
+van boete, die te zamen misschien strenger zijn dan bij de Katholieken
+de laatste dagen der Heilige Week. Ik heb nog niet begrepen, waarom
+deze geloofsinrichting, die echtscheiding toelaat en die bij gevolg
+veel minder streng is uit het oogpunt van de leer dan de katholieke
+godsdienst, aan haar volgelingen zulke zware lasten oplegt, die niet
+passen bij de leer.
+
+Hoe het zij, de verschillen van de beide kalenders veroorloven het mij,
+de onthouding van het vasten te ontgaan en integendeel voldoende eer
+te bewijzen aan het maal, dat de hotelhouder had laten klaar maken en
+dat zeer smakelijk was. Geen nationale schotels, maar een compromis
+tusschen een keuken, die op de spijskaart pompeus als fransch wordt
+aangeduid, en napolitaansche ragouts. Een lekker wijntje van Cephalonië
+besproeide het geheel. Er waren met mij aan tafel eenige Amerikanen,
+die uit Olympia komen, en een koopman uit Patras, die morgen naar
+Athene gaat en die ons veel vertelde over druiven en druivenoogsten.
+
+Om den welbesteden dag goed te besluiten, ga ik nog op het plein,
+waar voor twee duizend jaar de priesteressen van Aphrodite haar
+dienst hadden, de nachtelijke processie zien van Goeden Vrijdag. De
+menigte vult reeds de breede en stoffige straten met flauw verlichte
+winkels. De kleine balkons, die aan geen huis ontbreken, zijn
+zwart van toeschouwers, die met een kaars in de hand wachten op
+het voorbijgaan der heiligenbeelden. Ik sla den weg naar de kerk in,
+waaruit de stoet juist is vertrokken, voorzien, als iedereen, van mijn
+kaars; al spoedig stippelen duizenden kleine lichtjes de duisternis;
+de jongens laten voetzoekers knappen te midden van de menigte; hier
+en daar wapperen blauw en wit gestreepte vlaggen aan de vensters,
+waar af en toe bengaalsch vuur wordt afgestoken. Daar hoort men de
+tonen van een fanfare en de processie nadert. Aan het hoofd de muziek
+van het garnizoen, die treurmarschen speelt; dan volgen de priesters
+in hun kerkgewaden, de vierkante muts op het hoofd, van wie sommigen
+Christusbeelden aan het kruis dragen en anderen een groot wit laken,
+dat een zweetdoek voorstelt.
+
+De ernstige stemmen van de geestelijken mengen zich onder de
+treurige tonen van het koper en de vroolijke geluiden en verwekken
+een vreemde dooreenwarring van een kerkelijke plechtigheid en
+een volksfeest. Eindelijk komen de burgerlijke autoriteiten en de
+militaire, de prefect en de kolonel van het regiment, die ook de
+traditioneele kaars dragen; dan de menigte in dichte gelederen,
+onverschillig voor de wasdruppels, die van de balkons vallen, en
+blij gestemd door het licht en de muziek. Veel ernst bespeur ik niet
+onder de menschen, al zijn de Grieken een volk, dat graag zijn gevoel
+naar buiten toont; het karakter van deze groote kinderen leent zich
+nu eenmaal niet tot uitingen van droefheid, die toch eigenlijk bij
+de omstandigheid zouden passen. Het is niet zeer waarschijnlijk,
+dat de bewoners van het antieke Korinthe zulke harde bedden hebben
+gehad om op te slapen, als dat waarop mij de hotelhouder uit het
+moderne Korinthe tracteerde, anders zou hun naam van verwijfdheid al
+heel weinig verdiend zijn. Ik geloof eerder, dat dit dunne plakje van
+paardehaar, dat dadelijk op de planken rust en waarin men moeilijk de
+samenstellende deelen van een matras herkent, een der eigenaardigheden
+is van het moderne Griekenland en dat men vermoeienissen als die,
+welke ik ondervond bij het bestijgen van den Akrokorinth, moet hebben
+doorstaan, om er behoorlijk op te kunnen slapen. Maar mijn nacht werd
+dan ook niet gestoord door eenigen onwelkomen beet, en zeer verkwikt
+werd ik wakker, klaar om weer op weg te gaan.
+
+De zon staat al hoog aan den hemel als ik bij het station kom,
+waar spoedig de trein verschijnt, die mij naar Mycene zal voeren,
+een vroeger beroemde stad en die thans haar naam geeft aan een
+onbeduidende halte van den spoorweg van Athene naar Kalamata. Zoo is de
+werkelijkheid van het moderne helleensche leven op het nauwst verbonden
+met de grootsche herinneringen aan de oudheid, en ik moet bekennen, dat
+de aureool, waarmee onze beschaving al wat grieksch is omgeeft, wel te
+lijden heeft van die vereenzelviging. Wij zeggen in Frankrijk, dat het
+belachelijke doodend is; gelukkig, dat dit aphorisme niet gangbaar is
+in Griekenland, want dan zou er tegenwoordig niet veel overblijven van
+al die beroemde helden, van die legenden en heldendaden, welker namen
+de menschheid slechts met eerbiedige aandoening uitspreekt. Sedert ik
+een waschman en een bediende heb gehad, die respectievelijk Alcibiades
+en Pericles heetten, kan ik niet zonder een glimlach het beeld van hun
+beroemde peten mij voor den geest roepen, en ik begrijp uitstekend,
+dat de spotzucht van een About of een Offenbach door die amusante
+tegenstellingen is gewekt.
+
+Maar de trein komt in beweging; die kleine spoorwegen, die Griekenland
+beginnen te doorkruisen, loopen wanhopig langzaam. Een veertigtal
+kilometers scheiden Korinthe slechts van Mycene, en we zullen bijna
+twee uren noodig hebben, om dien afstand af te leggen. Ik moet
+echter zeggen, dat het terrein nog al effen is, dat er talrijke
+en scherpe bochten zijn te maken; maar dat alles verhindert niet,
+dat men gemakkelijk tijd kon winnen, als de weg goed was aangelegd,
+het materiaal solieder en het personeel beter geoefend was. Maar daar
+is altijd in Griekenland die lastige geldquaestie, die elke ernstige
+verbetering tegenhoudt. In zijn geheel is het land arm en weinig
+bevolkt; de opbrengsten van de spoorwegen, die buiten enkele tijden
+van het jaar zoo goed als niets vervoeren, zijn zoo problematisch,
+dat vele maatschappijen moeite hebben om rond te komen. In die
+omstandigheden kan er van vooruitgang geen sprake zijn, omdat men
+eerst, om daartoe te komen, den ondernemingsgeest zou moeten wekken
+en den economischen toestand van het land zou moeten verbeteren.
+
+In dit opzicht is het nog mogelijk, dat de spoorweg, die pas geopend
+is van Athene naar de turksch-grieksche grens, tot goede resultaten
+leidt, vooral als de aansluiting bij het europeesche spoorwegnet
+eindelijk werkelijkheid wordt. De nieuwe lijn, ondersteund door de
+oostenrijksch-hongaarsche regeering, die den Piraeus in gemeenschap
+met Middel-Europa zal brengen, zou zeker een staat van zaken scheppen,
+die, daar ben ik van overtuigd, weldadig zou terugwerken op het geheele
+net van de helleensche spoorwegen. Maar ik vrees, dat de laatste nog
+lang hun slechten naam zullen verdienen, die op dit oogenblik voor
+mij zoo duidelijk wordt gedemonstreerd door de vervelende halten van
+de kleine locomotief, waarmee ik naar Argos word gebracht.
+
+En inderdaad, na door Hexamilia te zijn gereden, dat ik gisteren per
+rijtuig passeerde, komen we in een bergpas met een kloof, in welker
+diepte een stroom moest bruisen en waar ik niet anders zie dan gele
+steenen. Evenwijdig met den weg van de spoorlijn loopt een onduidelijk
+pad vol diepe plassen en losse steenen; dat schijnt een rijksweg. Wat
+moeten dan de gemeentewegen zijn in dit land! We rijden enkele kleine
+ezels voorbij, waar mannen op zijn gezeten met de beenen terzij. Ze
+dragen de fustanella of het korte rokje en slaan met de vrij hangende
+beenen de maat op den buik van hun rijdieren, om die sneller te doen
+gaan, maar zonder eenig succes meestal. Zeker hebben ze vrienden
+in den trein, want men hoort, ondanks het lawaai van den stoom,
+stukken van zinnen en gelach aan het adres van een compartiment naast
+het mijne. Spoedig daarna komen we op een klein plateau, waar enkel
+dennen en heide groeien en hier en daar toefen reeds verdroogd gras,
+hoewel we nog maar April hebben. Het klokje van een eenzame geit doet
+zich hooren, maar ik kan het dier niet te zien krijgen, zoo weinig
+steekt het af tegen den bruinen grond.
+
+Daar zijn we eindelijk op de hoogte, de machine zwijgt, de optocht gaat
+wat sneller, we beginnen te dalen naar de kloof van Longopotamos. Ik
+bespeur links een of twee huizen, tegen de helling van den berg
+geleund, niet ver van de ruïnen van een kasteel, dat stellig uit
+de Middeleeuwen stamt. Dat zijn sedert Hexamilia de eerste huizen,
+die ik ontmoet, en deze weg is een der economische hoofdaders van
+het verkeer in Griekenland! Dan wordt de pas nauwer, de grond lijkt
+minder onvruchtbaar, want ik zie enkele tuberozen in de diepte van
+een ravijn. Dus moet er water in de buurt zijn, en inderdaad daar
+verschijnt vlak naast het station Dervenaki, waar de trein stilhoudt,
+een khani, herberg, bekoorlijk gelegen, aan den oever van een ruischend
+beekje in de schaduw van prachtige moerbeiboomen, waarvan het donkere
+groen heerlijk samenstemt met het zachte rose van andere bloemen. Het
+schouwspel komt zoo onverwacht, is zoo nieuw voor mij, dat ik een
+kreet van bewondering niet kan onderdrukken. Men moet als ik zoo langen
+tijd beroofd zijn geweest van het rustgevend gezicht van een rijk en
+frisch plantenleven, om te begrijpen wat ik gevoel. Het lijkt mij,
+of ik uit een woestijn kom; daar zijn dan eindelijk boomen en water,
+een weldadige vochtigheid, die het groen doet ontluiken, gras, dat
+het vocht vasthoudt, hetwelk zoo noodig is voor het leven. Het is,
+omdat Griekenland geen bosschen heeft, dat er geen water is te vinden;
+het is omdat een onvoorzichtige ontwouding al sinds jaren de bergen
+heeft beroofd, dat nu de bronnen niet meer vloeien en de rivieren
+droog zijn. Geen bosschen zonder water en geen water zonder bosschen,
+dat is een waarheid, welker miskenning den treurigen toestand heeft
+verwekt voor den landbouw, waaronder het land nu zoozeer lijdt, en
+waaraan het thans zoo moeilijk is, doeltreffend een einde te maken,
+zooals ik later nog gelegenheid zal hebben, in het licht te stellen.
+
+Maar de trein is weer vertrokken; het land wordt dadelijk weer kaal,
+terwijl het dal breeder wordt; we komen in de vlakte van Argos,
+beheerscht door de kale bergen, die over den weg heen hangen; nog
+enkele minuten en daar is het station Phyktia-Mycene, waar het rijtuig
+mij wacht, dat ik uit Nauplia heb laten komen.
+
+In Griekenland wil het gebruik, dat als men een voertuig huurt,
+het zij een wagen, een paard of een muildier, dat men dan met den
+koetsier of geleider een, wat men noemt, symphonie sluit, die daarin
+bestaat, dat het programma van den rit wordt vastgesteld, dat de
+prijs tusschen de beide partijen wordt besproken en dat men het eens
+is geworden, wat nooit het geval is zonder lange beraadslagingen. Als
+die symphonie is gesloten, houdt de Griek zich er angstvallig aan,
+al is hij anders niet juist bekend om de stiptheid waarmee hij zich
+houdt aan eenige afspraak. Hij zal wel op het oogenblik, dat de prijs
+wordt vastgesteld, trachten zooveel mogelijk voordeel te trekken van
+de kans, die zich hem biedt, maar hij zou zich schamen, wanneer hij
+na afloop van den rit een enkele lepta te veel vroeg. Het moet echter
+erkend, dat hij zich schadeloos stelt bij de ongeoefende toeristen,
+die onvoorzichtig genoeg zijn geweest, niet vooraf een contract met
+hem te sluiten, en dat hij er geen bezwaar in zal zien, hen twee-
+of driemaal de waarde van den rit te doen betalen. Ze zullen op dat
+oogenblik natuurlijk nog kunnen protesteeren, maar het zal hun moeite
+kosten een afslag te krijgen, gelijk aan wat ze zouden hebben gedaan
+gekregen, als ze vooraf hadden geaccordeerd.
+
+Natuurlijk zorg ik wel, geen inbreuk te maken op den algemeenen regel,
+en volle vijf minuten besteed ik in den brandenden zonneschijn aan het
+verdedigen van mijn belangen met al de scherpte, waartoe mij de nog
+zeer rudimentaire toestand van mijn kennis van het Nieuw-Grieksch
+in staat stelt. Eindelijk wordt mijn reiszak opgeladen, en een
+half uur later kom ik te Kharvati, waar ik zal ontbijten. Ik heb
+zelden iets ellendigers gezien dan dat droevige gehucht met zijn
+huizen van gedroogde aarde, waar enkele vrouwen in lompen zitten te
+weven aan primitieve weefstoelen, waarop ze grove katoenen stoffen
+vervaardigen. De herberg deelt in de algemeene sjofelheid; onder het
+groote strooien afdak, dat de algemeene zaal slecht beschut tegen de
+brandende zon, woelen zwarte varkens in het vuil; binnen zitten eenige
+dorpelingen aan een waggelende tafel; de gewitte muren zijn gescheurd,
+een vloer is er niet, en er hangt een keukenlucht van schapevet,
+die iemand allen eetlust moet benemen.
+
+Ik verheug mij, dat ik te Korinthe vóór mijn vertrek wat mondkost
+heb meegenomen, want het menu bestaat slechts uit een soort van soep,
+waarin vettige vezels drijven in een bruin en schuimend vocht. Voor
+niets ter wereld zou ik dat gerecht willen proeven, en ik stel mij
+tevreden met mijn koud gerecht, dat ik besproei met den harsgeurigen
+wijn, door het huis verstrekt. Toen ik de eerste maal dat vocht
+proefde, dacht ik waarlijk, dat men mij bij vergissing een medicijn
+voorzette. Het was te Delphi het vorige jaar, waar ik in het gezelschap
+was van een lid van onze school van Athene, die al aan Griekenland
+gewend was, en zich wel wachtte mij te waarschuwen. Het was mij,
+of ik terpentijn dronk. De beginselen van de wijnfabricage zijn
+in Griekenland nog zoo weinig bekend, dat men, om den wijn eenige
+jaren te kunnen bewaren, in het vat een stuk hars werpt, dat er een
+afschuwelijken smaak aan geeft. Vooral de roode wijn, dien de Grieken
+mavro crassi noemen of zwarten wijn, heeft allen natuurlijken smaak
+verloren door de rare toevoeging en krijgt iets scherps, dat zich voegt
+bij de zwaarte, die aan de zuidelijke wijnen eigen is. Voorwaar het is
+geen pretje, zulk een drank, die zelfs niet de verdienste heeft versch
+te zijn, in die warmte in een vuile herbergkamer te moeten drinken,
+en ik twijfel eraan, of de oude Grieken, voor wie het druivennat
+nectar was, zoo weinig kieskeurig zijn geweest, om hun gehemelte,
+aan goede en lekkere dingen gewend, te onderwerpen aan de proef van
+dezen harswijn, die mij al tot de minst wenschelijke nieuwigheden
+schijnt te behooren, door het moderne Griekenland ingevoerd.
+
+Een honigkoek van den Hymettus vormde het dessert. Ik herinner mij,
+dat toen ik in de eerste tijden van mijn verblijf te Athene naar de
+zoo zuivere lijnen van dien berg keek, waar zoo weinig plantengroei te
+zien was als in de oneindige woestijn, dat ik toen verbaasd mijzelven
+afvroeg, wat er voor de bijen wel te halen mocht zijn op die verlaten
+hoogten, waar de wandelaar slechts naakte rotsen ziet zonder eenige
+struik of bloem. Ik zocht al sedert lang naar de oplossing van dat
+raadsel, toen ik in een gesprek toevallig hoorde, dat die beroemde
+honig eenvoudig perenstroop was, waar de bijen niets of zoo goed als
+niets mee te maken hadden. Maar ik wil liever blijven gelooven, dat
+de Hymettus van de Oudheid werkelijk bloemrijk was en dat de bijen
+er een ruimen oogst van suikerhoudend sap konden vinden, want anders
+zouden de dichters, die den berg hebben bezongen, en wat zijn ze
+talrijk geweest, hun verbeelding de perken te buiten hebben laten gaan.
+
+Terwijl ik mijn maal besluit, nieuwsgierig aangekeken door het kind
+van den huize, dat met de beide handen op den rug vóór mij bleef staan
+met wijd geopende oogen, zijn er nog een paar liefhebbers van de bruine
+soep binnen gekomen en jagen de vogels weg, die puffend van de hitte,
+een schuilplaats zijn komen zoeken onder de wankele tafeltjes. Er komt
+geen geluid van buiten, behalve nu en dan een ongeduldigen voetstap van
+een der paarden van mijn rijtuig, door een beest gestoken; de stoffige
+weg brandt, en op het veld schroeien enkele magere grassprietjes. Wat
+zal het hier zijn in den tijd van hoogsten zonnestand, als het in de
+lente er reeds niet is uit te houden van de hitte als in een fornuis?
+
+Vastbesloten, mij niet door de indolentie te laten overweldigen,
+geef ik mijn koetsier een wenk, die al brommend, want het is middag en
+dus het uur van rust, met zijn span het brok muur verlaat, waarachter
+hij wat schaduw had gezocht. En weer zijn we op weg naar Mycene.
+
+Pas zijn we de laatste huizen van Kharvati voorbij, of de weg loopt
+door een kloof van indrukwekkende schoonheid. We hebben rechts van
+ons een diep ravijn met de ruïnen van een brug uit den Cyclopentijd,
+terwijl rondom ons hooge, steile rotsen zich verheffen, zoo steil,
+dat ze onmogelijk op hun hellingen genoeg aarde kunnen vasthouden,
+om nog zoo'n kleinen boom te kunnen voeden. Daar vertoonen zich veel
+grijze steenen en puin en iets wat op fondamenten gelijkt. Het zijn de
+ruïnen van de eigenlijke stad, die in het smalle dal zich uitstrekte,
+waar ik nu ben. De stad werd verdedigd door een lijn van muren,
+waarvan nog overblijfselen te zien zijn op de bergen links en langs
+het verdroogde riviertje. Op den achtergrond, tegen den berg geleund,
+in een echten kring van rotsen, aanschouw ik eindelijk de vervloekte
+stad, rood in het licht der ondergaande zon.
+
+Dit tooneel van de duistere heldendaden van het geslacht der
+Atriden heeft wel een decoratie, die erbij past, en denkend aan de
+verschrikkelijke drama's, hier afgespeeld, herinner ik mij plotseling,
+bij Edmond About te hebben gelezen, dat hij diep was getroffen geweest
+door de overeenkomst, bestaande tusschen het stroeve karakter van
+de woeste streek en de herinneringen, die rondwaren op deze plaatsen
+van sombere verschrikking.
+
+Sedert de geruchtmakende opgravingen van den heer Schliemann dertig
+jaren geleden, is de aandacht der archeologische wereld meer en
+meer op Mycene gevestigd geworden, op de goudstad, zooals Homerus
+haar noemde. Men heeft zoo goed losgemaakt wat er restte van de
+bouwwerken der acropolis, dat de toeschouwer zich werkelijk een zeer
+heldere voorstelling kan maken van het leven in die lang vervlogen
+tijden. Ziehier eerst de prachtige cyclopenmuren, gemaakt van enorme
+blokken van meer dan een kubieken meter, en op elkander gestapeld
+tot een hoogte van zes meter. Ze omringen met hun imposante massa
+de beroemde Leeuwenpoort, met den driehoekigen steen, waarop ruw
+twee leeuwinnen zijn gehouwen, die tegenover elkaar op een zuil
+leunen. Daardoor treedt men de vesting binnen.
+
+Terstond begeef ik mij naar de agora, een cirkelvormig terrein met nog
+de concentrische rijen steenen banken, waar de leden van den raad der
+grijsaards plaats namen, die zoo dikwijls in de Ilias worden genoemd,
+en onder welks grond de graven zijn ontdekt. De weduwe van den heer
+Schliemann, die ik persoonlijk te Athene heb gekend, was nog diep
+ontroerd, toen ze mij van die opgraving vertelde. Toen de deksels der
+sarcophagen werden opgelicht, zag men geraamten, geheel bedekt met
+bladgoud, maskers van goud om de schedels, gebeeldhouwde rustingen,
+sieraden van de fijnste bewerking, schitterende diademen, en er ging
+een gevoel van onbeschrijfelijke geestdrift door de aanwezigen. Mocht
+men niet bezweren, dat men in de tegenwoordigheid was van de graven van
+Agamemnon en zijn lotgenooten in het ongeluk, volgens de overlevering
+in de acropolis begraven? Die hypothese heeft veel voor, en al zou
+ze worden betwist, toch blijft het gewicht van deze mooie ontdekking
+even groot en maakt van de zaal van Mycene in het museum te Athene
+een der schitterendste archeologische verzamelingen uit Europa.
+
+Over de treden van een monumentale trap aan den ingang van het paleis
+van den koning der koningen, betreed ik een ruimte, waar nog de resten
+van een ronden haard zijn te zien. In deze ruimten zijn de bloedige
+tragedies afgespeeld, die door niets in gruwelijkheid kunnen worden
+overtroffen en die mij op dit oogenblik met aangrijpende duidelijkheid
+voor den geest komen. Met het hoofd vol oude homerische herinneringen,
+vermengd met gedachten aan mijn schooljaren, ga ik weer door de
+Leeuwenpoort, begeerig om nog, eer ik Mycene verlaat, de koepelgraven
+te zien, die buiten de vesting zijn opgericht, waarvan er een, naar
+men zegt, het lijk van Clytemnestra bevatte, die niet waardig werd
+gekeurd, om te rusten binnen de omheining, die door haar was onteerd.
+
+Wat vaststaat is, dat die koninklijke graven, die in de nabijheid zijn
+aangelegd, van veel later datum zijn dan die uit de acropolis. Het
+merkwaardigste er onder, bekend onder den naam van den Schat van
+Atreus, is naar het zeggen van de aanvallers van den heer Schliemann
+niet anders dan het echte graf van Agamemnon. Het is ver van mij,
+partij te willen kiezen in deze oudheidkundige vraag, die niet tot
+mijn competentie behoort, en waarvan de oplossing in den eenen of den
+anderen zin niet toe of af doet tot het zeer wezenlijke belang van
+dit grafmonument. Een mooie laan, geopend langs de helling van den
+berg en door muren omringd, geleidt naar de poort van de onderaardsche
+ruimte; zoodra ik die ben doorgegaan, bevind ik mij in een prachtige
+zaal in den vorm van een bijenkorf, twaalf tot vijftien meter hoog en
+verwonderlijk goed onderhouden. De steenen, die op elkaar waren gezet,
+zijn daarna uitgehold, tot men de gewenschte bocht kreeg, en vervolgens
+werden in de openingen tusschen de steenen een zeker aantal kleine,
+spitse steenen gestoken, om aan het geheel de noodige stevigheid
+te schenken. Thans bestaat dit bouwwerk bijna drie duizend jaren,
+en ik weet niet, dat het ooit een reparatie heeft noodig gehad. Zou
+men hetzelfde kunnen zeggen van de gewelven onzer kathedralen of van
+andere bouwwerken, die nog moderner zijn en die zoo dikwijls verscholen
+zijn achter steigers, voor den teleurgestelden toerist het eenige,
+wat hij te zien krijgt?
+
+Een tweede zaal, kleiner en lager, eenvoudig in de rots uitgehouwen
+en totaal donker, diende als grafkamer, terwijl de groote, die rijk
+versierd was, de offeranden bevatte, alsook de wapens en de sieraden
+van den doode. Juist dezelfde schikking vindt men terug in een ander
+van die koepelgraven, op enkele minuten afstands van het zooeven
+beschrevene en dat gewoonlijk het graf van Clytemnestra wordt genoemd,
+veel minder goed bewaard dan het eerste, en waar men slechts vrij
+onbeduidende voorwerpen in heeft aangetroffen.
+
+Ik ben nu aan het einde van het bezoek aan deze in nevelen gehulde
+en prehistorische stad; nog eenmaal omvat ik met den blik alle steile
+rotsen met hun vergeeld gras. Overal vertoont het zaaisel zijn kracht
+in enkele donkergroene plekken; groote uitgestrektheden katoenboomen
+en korenvelden, die al goudkleurig zijn, wisselen af met tabaksvelden;
+de citadel van Argos steekt in de vlakte vooruit op haar rotskaap; de
+cyclopische massa van Tirrhyns springt alleen naar voren uit de gele
+velden, en heel in de verte ziet men Nauplia en zijn witte huizen, met
+schaduw overtogen door de rots van Palamedes, die, van hier uit gezien,
+door de steile helling gelijkt op de rots van Gibraltar, en eindelijk
+in de verte de blauwe golf, waar lichte zeilen zich op vertoonen.
+
+De weg is stoffig, en de hagen aan de zijden zijn geheel wit; op
+de velden is het druk, want het oogenblik is reeds gekomen, waarop
+haver en rogge moeten geoogst. Boerinnen gaan voorbij met de kruik
+van roode aarde op den schouder; de sierlijke beweging van den arm,
+die lichtelijk is gebogen, doet de vormen van haar lichaam onder
+de lichte bedekking goed uitkomen. Met haar korte rokjes en op de
+bloote voeten, gaan ze drinken brengen aan de arbeiders op het land,
+lachend om het stof, dat ze opjagen en om den wind, die in de laatste
+oogenblikken heviger is geworden en die haar loop vertraagt en haar
+in het gezicht striemt. "Wees welkom onder ons", zoo roept mij een
+der vrouwen toe met haar helderen blik, "en kom eens kijken naar het
+werk der boeren van Argos!"
+
+Er is daar juist een groep mannen bezig niet ver van den weg; het
+is nog niet laat genoeg op den namiddag, om te weigeren aan die
+onverwachte uitnoodiging te voldoen. Men komt om het rijtuig heen
+staan, er worden mij warme en vochtige handen toegestoken en daar
+ben ik onder de boeren verzeild, die vertrouwelijk en goedig zijn te
+midden van de rijpe aren op den grond. Ze hebben hier een eigenaardige
+manier van dorschen; ik had reeds opgemerkt, dat er langs den weg op
+geregelde afstanden ronde, ruw geplaveide plekken waren, en ik vroeg
+mijzelven af, waar die wel voor mochten dienen. Ik kreeg spoedig een
+antwoord, toen ik mijn vrienden aan het werk zag.
+
+Zoodra de halmen zijn afgesneden, gewoonlijk met de sikkel, brengen
+kinderen ze naar den dorschvloer, waar ze worden uitgespreid. Twee
+paarden, gespannen voor een soort van houten kist vol steenen, waarop,
+ten einde het gewicht te vermeerderen en ook voor amusement, jongens en
+meisjes zijn gezeten, loopen aanhoudend in een kring rond en dorschen
+het graan. Als die bewerking is afgeloopen moet men, eer een nieuwe
+voorraad koren op den vloer wordt gebracht, het graan zuiveren van de
+onreinheden. Om dat te doen werpen vrouwen, voorzien van een soort
+van houten schoppen, het koren omhoog in den wind, en weldra zijn
+er twee hoopen gevormd, de eene van het kaf, dat eraf is gevlogen
+en een andere van het zwaardere, in de buurt gevallen graan. Het is
+een bewerking, die te verdedigen is, als de wind niet te hevig is,
+maar als er een frissche bries waait zooals nu, bespeur ik, dat een
+aanzienlijke hoeveelheid wegvliegt en dat de menschen op die wijze
+een goed deel van hun oogst verliezen. Als men bedenkt, dat ondanks
+de uitstekende hoedanigheid van sommige gronden in Griekenland de
+opbrengst lang niet is, wat ze moest wezen, door de zorgeloosheid
+en de weinige geldelijke hulpmiddelen, waardoor de boeren er niet
+toe komen hun gronden te verbeteren, dan kan men nagaan, wat ervan
+terechtkomt na zulk een weinig rationeele behandeling.
+
+Maar de tijd is gevorderd onder deze overdenkingen; Argos is thans
+vlakbij. Daar verrijst de kegelvormige berg van Larissa; de wind doet
+van het witte klooster Panaghia op de helling klokketonen tot mij
+overkomen, aankondigend, dat Christus is opgestaan, terwijl hooger
+op den berg een frankisch kasteel in puin zijn vervallen kanteelen
+toont. Aarden muren, gelijk aan die uit de oasen van Soedan, dragen
+platte daken of terrassen. De café's uit de hoofdstraat zijn vol
+menschen; boeren uit de vlakte en zelfs uit het binnenland van den
+Peloponnesus doen er zaken, en daar ze allen nog al heftig zijn, gaat
+het er luidruchtig toe. Maar het is gelukkig veel geraas en weinig
+wol, en de vuile politieagent, die in zijn blauwe uniform rondwandelt,
+kijkt zelfs niet om, als er aan zijn oor scherpe woorden klinken. Hij
+weet wel, dat ze naar alle waarschijnlijkheid geen gevolgen zullen
+hebben en dat er altijd nog wel tijd zal wezen, om, als het noodig
+wordt, een mooi verzoeningsspeechje te houden.
+
+De eerbied van den Griek voor woorden is slechts te vergelijken met
+zijn liefde voor de mooie geste; de zinnen van het gewoonste gesprek
+gaan bij hem altijd gepaard met betoogingen door handen of armen;
+maar als hij in een twistgesprek is of zijn belang moet verdedigen,
+stijgt die hartstocht voor bewegingen tot het hoogste; het lichaam
+wordt voorover gebogen, de oogen puilen uit hun kassen, en men gaat
+meenen, dat er een vuistgevecht ophanden is, terwijl een seconde later
+alles tot de grootste kalmte is teruggekeerd. De opwinding heeft een
+gewonen uitweg gevonden.
+
+Veel van die vermakelijke tooneelen doen zich voor terwijl ik
+door Argos loop, dat nu wel zeer vervallen is van zijn vroegere
+grootheid. Een alleenstaand gebouw, de schouwburg, die aan de stad
+door de Romeinen werd geschonken, is het eenig overblijfsel, dat
+herinnert aan de rol, die de stad heeft gespeeld. Op de halfvergane
+treden van dien schouwburg werd indertijd de eerste vergadering
+gehouden, toen in den vrijheidsoorlog het nieuwe koninkrijk gesticht
+was. Verschanst in de acropolis, hield Ypsilanti roemrijk stand tegen
+het turksche leger, en dat verscheiden dagen achtereen. Argos bewaart
+die kostbare herinneringen uit het mooiste gedeelte van de moderne
+grieksche geschiedenis als iets kostbaars, en de ligging der stad te
+midden van een vruchtbare streek in de nabijheid der zee moet haar
+een waarborg zijn, dat er weer tijden van voorspoed zullen volgen.
+
+De bergen werpen reeds groote schaduwen over de vlakte, die ik nu in de
+volle breedte moet oversteken, om van Argos naar Tirrhyns te gaan. Twee
+vermolmde houten bruggen zijn over de bedding der Charadros geslagen
+en over die van de Inachos, waar nog een weinig water in is om dezen
+tijd van het jaar. Dan passeeren we windmolens, die luidruchtig draaien
+met hun groote wieken en gescheurde zeilen. Die bouwsels schijnen dan
+toch te zeggen, dat de boeren hun oogst niet naar de vier windstreken
+laten vliegen! Weldra houdt het rijtuig stil onder het afdak van een
+kleine khani; ik ben aan den voet van de acropolis van Tirrhyns.
+
+Deze hoogte, alleen staand te midden van de velden en zich niet hoog
+boven de vlakte verheffend, ziet er niet zeer indrukwekkend uit. En
+toch was het volgens, de legende hier, dat Menelaus al zijn huiselijk
+leed ervoer. Terwijl ik door de bouwvallen dwaal, door de ruimten,
+waar het huisaltaar stond, waar de slaven en bedienden woonden in dat
+oude tijdperk van primitieve grootheid, moet ik mijzelven afvragen,
+hoe de menschen zulke kolossale steenen omhoog hebben kunnen krijgen,
+door welke hulpmiddelen zij ze op elkander hebben kunnen stapelen,
+en ik ben verstomd van bewondering en verbazing.
+
+De wind blaast door de spleten van de steenen en schudt de boompjes,
+die met hun groene takken de resten overdekken van een voor altijd
+ondergegane beschaving. Mycene rechts van mij is in den nevel bijna
+niet te onderscheiden; de citadel van Argos vóór mij, die van Nauplia
+links zullen alleen worden verlicht door de laatste stralen van
+de ondergaande zon, die achter de bergen verdwijnt; een gevoel van
+onbestemde somberheid en melancholie vervult mijn gemoed; het is of
+het gehuil van den wind een klaagtoon is van al, wat hier gestorven is
+in den loop der eeuwen. Het is mij, of de grootsche stem der natuur
+protesteert tegen de tegenwoordigheid van den vreemde hier in deze
+doodenstad van reuzen, wier eeuwigen slaap men niet moet storen. Ik
+haast mij om uit dit neerdrukkende groote verleden weer voeling te
+krijgen met mijn tijdgenooten, en met een echt kinderlijke vreugde
+hervind ik in de khani den trouwen amaxa, die mij terug zal brengen
+naar Nauplia.
+
+Een officiëele landbouwschool, gesticht door Capo d'Istria, die hier
+goed ter plaatse is te midden van de vruchtbare alluviale landerijen,
+ligt aan onzen weg. Ik wenschte voor Griekenland, dat men erin slagen
+mocht, geslachten van kundige boeren er te kweeken, die voor goed
+zouden breken met de verouderde methoden, waar ik staaltjes van heb
+gezien. Maar ik durf het niet vast te gelooven; de school bestaat
+al meer dan zeventig jaren en ik vraag mij af, welk onderwijs de
+leerlingen, die er zijn opgeleid hebben genoten en hoe ze het in
+practijk hebben gebracht.
+
+Nu komen de moerassige terreinen, grenzend aan de diepte van de Golf;
+de weg, omzoomd met mooie platanen, loopt langs de zee; Nauplia,
+in verdiepingen opgestapeld op de rotsen van den heuvel Itsch-Kalé,
+kijkt in de vlakte van Argos; hoorngeschal klinkt uit het fort
+Palamedes, dat, half gevangenis, half kazerne, als een zwaar blok
+boven ons hangt. Wij gaan door den ringmuur der stad en dan door
+een doolhof van straatjes, vol modderpoelen, waar mijn rijtuig met
+totalen ondergang wordt bedreigd en bereiken eindelijk de haven en
+het vreemdelingenhotel. Uit de vensters van de eetzaal bespeur ik de
+Golf, welker water nu paars is, terwijl een lichtrose tintje nog op
+de bergen hangt van Arcadië. De wind is bijna geheel gaan liggen,
+en de laatste booten met witte en roode zeilen van verschillenden
+vorm, komen de eene na de andere aanleggen aan de kade, waar reeds,
+in afwachting van den nachtdienst van Paschen, de heele wereld van
+Nauplia tusschen de blauwe uniformen der officieren van het garnizoen
+heen en weer wandelt.
+
+En terwijl ik mij vermaak met de gezellige drukte, merk ik op, dat
+de mannen in het algemeen, voor zoo ver ze tot het volk behooren,
+de roode fez dragen en de lage muilen. Er zitten er ook naast mij,
+die kalm de narghilé rooken, die hun wordt gebracht geheel klaar,
+zooals men in Europa de vertering brengt; anderen laten met de oogen in
+het vage de grove kralen van den rozenkrans door de vingers glijden,
+die in het Oosten zoo algemeen is, en welke machinale beweging meer
+een tijdverdrijf schijnt dan een werkelijk gebed.
+
+De nacht is warm en helder; de klok van een kerk begint te luiden met
+versnelden pas; daar antwoorden andere met scherper of doffer klanken,
+en het is een vreemde cacophonie, waarin zich zoo nu en dan de zware
+tonen mengen van het carillon der kathedraal. Christus is opgestaan,
+en de menigte vult de kerken. Ik ging binnen in die van den Heiligen
+Geest, waar Capo d'Istria verraderlijk werd vermoord en maakte,
+als iedereen, het teeken des kruises met de aaneengesloten drie
+voorste vingers van de rechterhand, achtereenvolgens gebracht naar
+het voorhoofd en naar de borst ter rechter en ter linker zijde. Het
+heilige is als in alle byzantijnsche kerken gescheiden van het overige
+gebouw door een wand, bedekt met vrome platen, die door de geloovigen
+worden gekust onder aanhoudend maken van het teeken des kruises; in
+het midden staat het altaar, overgoten van licht en zichtbaar door een
+getraliede poort. De koorzangers zingen psalmen zonder begeleiding;
+ze zijn als de priesters in een lang zwart gewaad gekleed met hoog
+opgestoken haren onder de hooge cylindrische muts.
+
+Maar daar komt de priester in zijn met goud geborduurd misgewaad; zijn
+lange baard en zijn spierwitte haren omringen het patriarchengelaat
+met de zachte en toch mannelijke trekken; hij zingt langzaam
+enkele woorden, en de menigte knielt met het gelaat tot den grond
+gebogen. Toen, terwijl het koor een litanie begint, die mij treft
+door haar grootschheid, worden de kaarsen aangestoken in de handen
+der geloovigen; daarboven in den toren worden de klokken heftig
+bewogen; dit is het plechtige oogenblik; de deur van het koor wordt
+geopend, de pope verschijnt in al zijn waardigheid met een gevolg
+van geestelijken op den drempel: "Broeders," zegt hij met bevende
+stem, "Christus is opgestaan, Christos anesti!" Dadelijk vallen de
+geloovigen elkander in de armen en kussen elkaar op het voorhoofd,
+terwijl ze met het koor meezingen het Paaschhalleluja. Buiten maken
+de voetzoekers lawaai, vensters worden met bengaalsch vuur verlicht,
+en de vreugde zal den ganschen nacht duren.
+
+Die kreet van "Christos anesti", die door heel Griekenland
+vandaag weerklinkt, wekt mij vroolijk te Nauplia, zoodra deze mooie
+Paaschmorgen is aangebroken. De kellner van het hotel heeft terstond
+behoefte, zijn geestdrift te uiten. De menschen omhelzen elkaar allen
+onder de begroeting met dezelfde formule.
+
+Een officier uit Athene had mij een brief van aanbeveling meegegeven
+voor een van zijn kameraden te Nauplia, opdat ik toegang zou kunnen
+krijgen tot de kazerne en de traditioneele Paaschfeestelijkheden
+zou kunnen bijwonen. Eer ik mij naar hem toe begaf, werp ik een
+blik op den obelisk aan de haven, opgericht ter herinnering aan
+den daadwerkelijken steun, dien Frankrijk aan Griekenland verleende
+in de epische tijden van den vrijheidsoorlog. Het moge waar wezen,
+dat de Grieken babbelachtig en oppervlakig zijn, ik merk toch met
+genoegen op, dat ze niet vergeten, en dat ze in hun geheugen de namen
+bewaren van een Fabvier en een Maison. En nadat ik dan door de breede,
+goed geplaveide straat heb geloopen met de rijen mooie platanen,
+kom ik in een labyrinth van nauwe straten, waar uithangborden met
+gevleugelde leeuwen aan de venetiaansche overheersching herinneren,
+terwijl een huis met een door sierlijk traliewerk afgesloten balkon
+de turksche regeering voor den geest roept.
+
+Het fort Palamedes, dat ik natuurlijk moest bestijgen, is alleen
+toegankelijk van den kant der stad. Een duizendtal treden, in de
+rots gehouwen tusschen cactusstruiken door, voeren naar de wallen
+der citadel. Van een torentje uit, dat letterlijk over de huizen van
+Nauplia heen hangt, bewonder ik een oogenblik het prachtig panorama
+aan mijn voeten. Op het binnenplein der kazerne dansen de soldaten,
+en het feestrumoer der stad klinkt tot hier door. Daarachter het
+schiereiland Itsch-Kalé, dat de haven beschermt tegen den zeewind. Door
+de plechtigheid van het Paaschfeest ben ik verhinderd geworden,
+om de noodige stappen te doen ter verkrijging van de machtiging
+tot een bezoek aan de citadel; niet, dat ze zoo ingewikkeld zijn,
+maar de plaatsbureau's waren dezen morgen verlaten, en ik heb den
+dienstdoenden officier niet te spreken kunnen krijgen. Ik bekijk
+het kasteel dus van den buitenkant. Het is door de Franken gebouwd,
+versterkt door de Venetianen en voorzien van zeven redoutes, waarvan
+twee de onverwachte namen dragen van Miltiades en Themistocles. Mijn
+blikken bleven lang hangen aan de duizelingwekkende steilten,
+afdalend naar de zee, waar in de diepte het eiland Spezzia lag,
+terwijl tegenover mij Arcadië gloeide in de zon en rechts de groene
+vlakte van Argos zich ontrolde naar de dorre eenzaamheid van Mycene.
+
+Eindelijk begaf ik mij naar beneden en vond in de kazerne de
+officieren en de soldaten nog bezig met de toebereidselen van het
+Paaschmaal. Er brandden op het plein groote vuren, waar lammeren in
+hun geheel op werden gebraden. Een groote stok, door hun lichaam
+gestoken, rustte op twee kruiselings staande stokken, geplant in
+de aarde aan weerszijden van het vuur, en een soldaat deelde aan
+het primitieve toestel een zacht draaiende beweging mee, terwijl
+de anderen hem aanmoedigden met gezang, en met welbehagen onderwijl
+de geuren opsnoven van het gebraad. De tafels zijn klaargezet onder
+groene priëelen, waar aanstonds de maaltijd zal beginnen. Behalve het
+lamsvleesch, het hoofdgerecht, bestaat het menu uit harde eieren, brood
+en sinaasappelen, alles besproeid met den harsachtigen wijn, waarvan
+ik zonder smaak een glas drink op de gezondheid der soldaten. De
+officieren meenen zeker, dat ik dien drank afschuwelijk moet vinden,
+maar ze kunnen op mijn gezicht geen enkel teeken van afkeuring lezen,
+en ze lachen er om op een manier, die mij niet weinig amuseert.
+
+Den volgenden morgen werd ik door een telegram naar Athene en mijn werk
+teruggeroepen; maar eenige maanden later was een gelukkige samenloop
+van omstandigheden de oorzaak, dat ik een week verlof kon krijgen voor
+een nieuwen tocht naar het Zuiden van den Peloponnesus. Het seizoen is
+gunstig, om een reis van dien aard te ondernemen; niets wijst er nog
+op, dat de herfst nabij is, maar de drukkende warmte van Juli heeft
+plaats gemaakt voor prachtige Septemberdagen, zonnig en helder en op
+deze breedte nog lang en warm, zoodat men zich in den vollen zomer
+kan denken. Ik was enthoesiast over het vooruitzicht, niet langer
+voor eenige dagen het scherpe stof van Athene in te ademen; ik droom
+van groene wouden, waar beekjes murmelen, ik verlang naar de koelte,
+naar de zuivere lucht, die ik in vier maanden niet heb genoten en
+die ik hoop te vinden eerst op de zee en dan in het eenzame bergland.
+
+Mijn licht bundeltje is dan ook spoedig gesnoerd; verscheiden blikjes,
+die vernuftig ter plaatse kunnen worden warm gemaakt, insectenpoeder,
+een paar geneesmiddelen, die men moeilijk ontberen kan in warme landen,
+zijn met het strict noodige, een deken en de getrouwe kodak, de lijst
+van mijn hebben en houden.
+
+Ik kom aan den Piraeus, waar de "Aphrodite", een boot van de
+Panhelleensche Maatschappij, naar Marathonisi gaat vertrekken. In
+de buurt van de eetzaal aan boord heerscht evenals op de "Haghios
+Nikolaos", die mij vroeger naar Korinthe bracht, een walgelijke geur,
+en, de kooien zien er al even weinig aanlokkelijk uit. Het zou wel
+kunnen zijn, dat ik mij van nacht aan lastige gevechten zal moeten
+wijden. Het is hier zoo vuil, dat ik mij afvraag, of het dek wel
+ooit wordt schoongemaakt, terwijl een blik in de keuken genoeg is,
+om iemand allen eetlust te benemen.
+
+En ik zal hier achttien uren moeten blijven! Wij zouden om elf uur in
+den morgen van den Piraeus vertrekken, maar het werd twaalf uur. De
+kapitein verzekerde mij, dat we een prachtigen overtocht zouden
+hebben. Trouwens de zeeziekte verontrust mij niet erg.
+
+Daar roept de bel de passagiers naar de eetzaal. Ik moet mee aan
+tafel, hoe weinig animeerend ook de keuken hier is door het gebruik van
+schapevet. Na verloop van een half uur kan ik eindelijk op dek gaan, om
+daar den namiddag door te brengen. Reeds wordt Aegina kleiner door den
+afstand en laat ons van dezen kant zijn steile wanden zien, bedekt met
+een donkeren plantengroei. Boeren zijn op het voorschip geïnstalleerd,
+sommigen zittend op veelkleurige koffers, anderen op ruwe dekens van
+roode wol; een van hen zingt onder begeleiding van een rustieke luit
+volksliedjes; en de anderen praten over de kleine gebeurtenissen van
+hun leven, steeds onder het aflezen van hun rozenkrans.
+
+Bij het vulkanisch schiereiland Methana dringt de "Aphrodite"
+binnen in de nauwe doorgang, die Poros van Argos scheidt, waar de
+oranje- en citroenboomen beschut zijn door het prachtige scherm van
+de bergen. Er worden toebereidselen gemaakt voor een landing in het
+stadje, dat schilderachtig op de rotsen is gelegen en waar het eerste
+maritieme arsenaal van het jonge koninkrijk werd gevestigd. Booten,
+overvol met menschen, komen naar ons schip in groote wanorde. Pas
+zijn de passagiers en de goederen overhaast aan boord gebracht, of de
+schroef zet zich weer in beweging, terwijl ieder een plaatsje zoekt,
+door de vertrekkenden open gelaten. Het zal intusschen niet voor lang
+zijn, want deze menschen gaan naar het eiland Hyera, dat zich al gauw
+vertoont, als we om kaap Skyli zijn gevaren, die aan den oostkant de
+uiterste punt van den Peloponnesus vormt.
+
+Een uur later gaan we Spezzia in open zee voorbij aan den ingang van de
+golf van Nauplia; die haven is met Salamis de voornaamste oorlogshaven,
+maar ze kunnen beide niet wedijveren met de groote oorlogshavens. Het
+was een heerlijke avond aan boord, en het gezang van de eenvoudige
+lieden uit het volk wiegde mijn gedachten aangenaam in zoete rust.
+Een poging om beneden slaap te vinden liep op niets uit, en al spoedig
+was ik weer aan dek, om daar den morgen af te wachten.
+
+De dag brak aan, toen we de golf van Marathonisi voorbijvoeren en
+den steven naar het Noorden wendden, om tegen acht uur aan de moderne
+kade van de gelijknamige stad te landen. Daar word ik aan wal gezet
+en wandel dadelijk de stad uit naar een weg over de rotsen langs de
+zee, waar ik de "Aphrodite" een laatsten groet kan brengen, zooals
+ze daar voor anker ligt achter in de baai; de hoeven van het muildier
+slaan luide op de steenen, terwijl de schoenen van den agoyaat en van
+den gendarme, van voren opgewipt als een voorsteven van een schip,
+zacht voorschuiven. De brave militair ziet er niet bar uit in zijn
+vuilblauwe uniform, en ik moet onderweg meermalen denken, dat, als ons
+iets overkomt, zijn tegenwoordigheid mij van weinig nut zal zijn. Er
+worden mij, sinds ik in Griekenland ben, zooveel verhalen verteld van
+den moed der inwoners van dit land, dat ik geëindigd ben met er niet
+veel van te gelooven en te denken, dat er weinig durf onder hen is
+en dat in het bijzonder degenen, die mij vergezellen, wel in staat
+zouden zijn, om in geval van gevaar met den vijand te heulen. Voor
+het oogenblik stellen ze zich tevreden met het zingen van een lied;
+om beurten heffen ze een couplet aan, en dat zal zeker wel duren tot
+bij kaap Matapan. Dus heb ik alle gelegenheid, zwijgend het prachtige
+land te bewonderen, dat we zijn binnengaan.
+
+Een afgevaardigde naar de volksvertegenwoordiging, de Mavromichalis,
+die reeds meermalen minister is geweest en die te Athene een geziene
+staatkundige positie bekleedt, had mij dikwijls aangeraden deze reis
+te doen; hij zei mij, dat de bewoners van dit smalle schiereiland
+vreemde gewoonten hadden behouden in hun woeste schuilhoeken en
+dat ze verdienden, dat men hen beter leerde kennen. Toen ik dan
+ook besloten was, te gaan, zocht ik den heer Mavromichalis op, toen
+minister van Binnenlandsche Zaken, en hij kondigde mijn reis niet
+enkel aan de autoriteiten aan, maar moedigde zijn partijgenooten
+aan, mij vriendelijk te ontvangen. Ik stelde die daad te meer op
+prijs, omdat de gesprekken, die ik met den staatsman had gehad, mij
+voldoende op de hoogte hadden gebracht van de sociale toestanden in
+het zonderlinge land.
+
+De Mainoten, die zich de rechtstreeksche afstammelingen noemen van de
+Spartanen die voor de barbaren vluchtten, hebben van die vermeende
+voorvaderen het onbuigzame karakter en de strenge zeden. Ze hebben
+krachtig weerstand geboden aan de Turken, die hen nooit hebben kunnen
+onderwerpen. Al den tijd van de ottomaansche overheersching was er
+een aristocratie van familiehoofden, zooals de Mavromichalissen,
+die tegenwoordig in hun salons te Athene de reeks hunner voorvaderen
+in de kleeding der Palikaren vertoonen, en betwistten elkander het
+bergland in een onophoudelijken strijd, bestaande in vendetta's, roof-
+en moordpartijen. Toen we door het kleine dorpje Mavrovoeni reden,
+merkte ik op, dat enkele huizen van schietgaten zijn voorzien. De
+mannen kijken mij aan met een trotsch en vijandig voorkomen.
+
+Al spoedig hebben we het riviertje de Vardoenia achter ons gelaten,
+en op den Passaheuvel bespeur ik de overblijfselen van een kasteel,
+dat oudtijds bestemd was, de aanhoudende opstanden in het land te
+beteugelen, dan een ander, waar niemand zich vertoont, en we verlaten
+de nabijheid der zee, om aan zijn voet het voorgebergte af te snijden,
+dat in kaap Pagania uitloopt. Tusschen kleine eiken en wat heidekruid
+loopt de weg, en aan alles is te merken, dat de streek weer armer
+wordt.
+
+In de schaduw van een niet uitgegroeiden den houden we stil en ik
+gebruik een vluchtig ontbijt, terwijl mijn oog rust op de ingesneden
+toppen van den Taygetos, wijkend naar het Zuiden nu onder den naam
+van Kako Voeni, dat is "slechten berg". En inderdaad dit is een
+somber land, een opeenhooping van steile rotsen onder de brandende
+zon, met hier en daar kloven en afgronden, waarboven arenden en
+gieren zweven. Den geheelen namiddag volgden we de hellingen van
+dit reusachtige en woeste bergland, waarbij we slechts twee of drie
+dorpen passeerden, arme gehuchtjes eigenlijk, en door afgelegen kloven
+gingen met een dicht struikgewas en vele donkere grotten. Het gevoel
+van eenzaamheid komt over mij; ook mijn metgezellen loopen zonder
+spreken voort. Het begint duister te worden, als we Lagia passeeren,
+en aan de zee is het volkomen nacht. Zij schittert, waar ze tegen
+de rotsen slaat in het koude licht der maan, en met een gevoel van
+echte verlichting bereik ik tegen zeven uur in den avond de eerste
+huizen van Porto-Quaglio.
+
+Terwijl de agoyaat bezig is een onderkomen te zoeken voor het muildier,
+en de gendarme naar zijn collega's is gegaan, stap ik de zaal binnen
+van de herberg, waar het lekker ruikt naar gebraden kwartels. We waren
+juist in den tijd van den vogeltrek, waarbij dit geurige wild, dat
+hier overvloedig is, komt uitrusten op de uiterste punt van Europa,
+eer het zijn vlucht neemt naar Egypte. Ik profiteer dankbaar van
+de gelegenheid; eenige harde eieren en de onvermijdelijke harswijn,
+waaraan ik trouwens reeds gewoon raak, voltooien het geurige maal,
+en dan ga ik opzoeken wat met een stoutmoedig euphemisme mijn bed zou
+kunnen worden genoemd, een eenvoudige houten krib, goed voorzien van
+stroo. Maar het kan mij weinig schelen, de vermoeienissen der beide
+laatste dagen zijn zoo groot geweest, dat een diepe slaap, niet door
+eenig onaangenaam gesteek afgebroken, dadelijk mijn oogleden sluit.
+
+Om zes uur in den morgen wacht mijn muildier mij reeds, geheel
+gezadeld, aan de deur van de eenvoudige herberg te Porto-Quaglio, waar
+ik den nacht heb doorgebracht. Ik haast mij, het zadel te bestijgen. En
+terwijl de schuine stralen der zon reeds de ontmantelde kanteelen
+van het kasteel vergulden, dat de stad beheerscht, rijd ik den chaos
+binnen van de granietbergen aan kaap Matapan; omgevallen menhirs,
+grotten en holen, waar de zee bruisend binnen dringt, en een sterke
+reuk van wier en zeegras in de holten tusschen de zwarte rotsen. Het
+rijden is moeilijker geworden door de hevigheid van den wind, die
+den voet der gesteenten met schuim omzoomt; daar is eindelijk het
+uiteinde van het donkere voorgebergte, waar de zeemeeuwen met groote,
+witte vleugels hun doordringend geschreeuw doen hooren.
+
+De verlaten zee heeft overal witte koppen, en het kleine kapelletje
+"ton hagion Asomaton", dat tegenwoordig op de plek staat van het
+beroemde heiligdom, gewijd aan Neptunus, schijnt te hangen boven een
+donkeren afgrond. En als ik mij verwijder, geheel onder den indruk van
+de grootsche doodschheid van deze plaatsen, die getuigen waren van
+zooveel zeerampen, maakt mijn agoyaat, wiens gevoelens met de mijne
+schijnen samen te stemmen, devotelijk een kruis, met oogen vol afschuw.
+
+Een uur later is opnieuw de voet van de landengte bereikt, en langs
+een verschrikkelijk moeilijk voetpad stijgen we weer langs de westkust
+omhoog, en gaan in de richting van kaap Grosso, die den horizon afsluit
+met haar hoogen marmeren muur. Deze strook lands, ingesloten tusschen
+de zee en de gekanteelde toppen van den Taygetos, is het merkwaardigste
+deel van het land der Mainoten, een streek, bedekt met lage struiken
+en myrten, waar het strand overal kleine kreken vertoont en veel
+rotsachtige kapen vol holen, plaatsen, waar de zeeschuimers hun buit
+verborgen. Het zijn door de zon geroosterde bergen, met veel woeste
+kloven, waar zich, hangend boven afgronden, verborgen in de groeven
+tusschen het gesteente, arme dorpjes verschuilen, echte arendsnesten,
+schuilplaatsen van roovers, het tooneel van vendetta's met bloed en
+tranen, en geboorteplaatsen van helden.
+
+Overal ziet men versterkte kasteelen en torens met kanteelen,
+pyrgoi geheeten, voorzien van schietgaten. Het verbaast mij nu
+niet langer, dat het een dergelijk land is gelukt, door de eeuwen
+zijn volkomen onafhankelijkheid te bewaren, en dat men er thans nog
+de oorspronkelijke woestheid van land en bewoners aantreft. Alles
+verraadt die bij de Mainoten, vanaf den trotschen trek van hun magere
+gezichten, omlijst door wapperende haren en met een langen knevel,
+waarboven de oogen fonkelen, tot de plechtige manier van loopen,
+de groote physieke kracht en de wijze, waarop ze de wapens dragen,
+die ze nooit afleggen. Te Kyparisso, te Alika, in alle dorpen die ik
+doorreis, kijkt men mij vast aan, zonder nieuwsgierigheid, zooals een
+man zijns gelijke aanziet, en dat is iets, waar mijn reizen mij niet
+aan aan hebben gewend, sedert ik in Griekenland ben.
+
+Wij houden stil om te ontbijten aan den rand van die groote hoogvlakte,
+die zich uitstrekt van de kaap tot den voet der bergen, en terwijl
+ik mijn blik laat weiden over het azuur van de golf van Koroni,
+in de verte eindigend in kaap Gallo, die met haar zusters, kaap
+Matapan en kaap Malée de laatste vormt van de drie vingerspitsen
+dier grove hand, die de Peloponnesus is, herinner ik mij alles, wat
+de heer Mavromichalis mij heeft verteld van zijn woeste kiezers. Ze
+zijn dapper en trouw en hebben opgehouden, onder elkander, zooals
+ze eertijds deden, bloedige gevechten te leveren; maar de politieke
+strijd neemt nog onder hen een zoo heftigen vorm aan, dat men zich
+midden in een barbaarsch land waant, zoodra de tijd der verkiezingen is
+genaderd. In hun wezen rebellisch, wars van alle gezag, verdragen ze
+slechts met moeite het stelsel van den verplichten militairen dienst,
+en de afstammelingen van die helden uit den vrijheidsoorlog hebben
+de grootste moeite, zich te schikken naar de tucht, hoe weldadig die
+ook zij, van het regiment. Met den geest nog vol van het heidensch
+bijgeloof, gelooven ze aan de godheden van de zee, aan die Nereïden,
+die hun holen en grotten bewonen, aan de orakelspreuken, door de
+rookende ingewanden van dieren gegeven, en als er een der hunnen
+sterft, laten ze nooit na, onder in zijn doodkist, met proviand voor
+de sombere reis, ook het kleine geldstukje te leggen, dat Charon van
+hen zal eischen aan den oever van de Styx.
+
+Hun zeden hebben de oude zuiverheid behouden, en de deugd der vrouwen
+is enkel te vergelijken bij haar strenge schoonheid. De overspelige
+vrouw wordt gedood door haar man, en haar medeplichtige wordt door
+het volk met den dood gestraft. Wee dengene, die de vrouwen hier te
+nadrukkelijk aanziet, wee hem, die een jong meisje compromitteert! Hij
+moet haar onmiddellijk trouwen en als hij verdwijnt, zonder de zaak in
+het reine te brengen aan het eind van de enkele weken, die de gewoonte
+hem toestaat, is het met het ongelukkige kind gedaan, dat door de
+ouders koelbloedig wordt gedood, liever dan dat ze haar schande haar
+laten overleven. En zou men zich hier niet in de tijden van het oude
+Sparta terugdenken, als men de moeders gevoelloos en met wilde gebaren
+ziet in de tegenwoordigheid van de lijken van haar bij de vendetta's
+gedoode zoons, als die laatste niet in de borst zijn getroffen?
+
+Als ik dan ook, na Pyrgos te zijn voorbij gereisd, in den laten
+namiddag aan de poorten van Areopolis kom, waar de geheele bevolking
+met den burgemeester aan het hoofd is samengeloopen, om mij welkom
+te heeten, en die brave lieden meen te moeten doen begrijpen, dat
+ik als een goed Franschman hun edel en trotsch karakter bewonder,
+dat ik een vijand ben van list en leugen, eindig ik mijn toespraakje,
+dat ik met behulp van het woordenboek zorgvuldig had voorbereid, met
+de geheiligde formule: "Evcharisto, adelphoi, zito Areopolis! Dank,
+broeders, en leve Areopolis!" Toen weerklonken er eindelooze kreten en
+toejuichingen, roode mutsen vlogen in de lucht, er werd geestdriftig in
+de handen geklapt, het kruit liet zich hooren, en de scherper stemmen
+van de vrouwen, die ik op mijn woord slechts tersluiks heb aangekeken,
+mengen zich onder die der mannen, en duizendmaal herhaald klinkt het
+vol enthousiasme: "Zito o Gallos, zito i Gallia! Leve de Franschman,
+leve Frankrijk!"
+
+Men ziet, dat de afgevaardigde uit de streek, meer nog dan de
+minister van Binnenlandsche Zaken, het is geweest, die mijn doortocht
+heeft aangekondigd, want ik kan geen voet verzetten, zonder dat
+oogenblikkelijk een sympathiek gestemde menigte op mij toesnelt; men
+ziet mij nieuwsgierig aan; in de herberg, waar ik ben binnengegaan,
+om een glas ouzo, nationalen brandewijn, te drinken en eenige olijven
+te gebruiken, zie ik de kinderen lachen en elkander aanstooten, toen
+ik in uitstekend Grieksch om kafé kai loucoumia vraag, de geparfumeerde
+olijven, die lang niet zoo lekker zijn als die uit Konstantinopel.
+
+Het is overal ongewoon druk; groepjes in feestkleedij verzamelen zich
+aan de deuren; de vrouwen hebben haar beste kleeding aangetrokken,
+haar boezelaars, met schitterende kleuren geborduurd, haar witte
+tunica's of de lange mantels zonder mouwen, die de armen laten zien
+en een gedeelte van de borst; ze hebben het hoofd bedekt met mutsjes,
+waar gouden versierselen op zijn aangebracht, meestal in penningen
+bestaande, op de borst dragen ze allerlei zilveren en koperen sieraden,
+en om den hals is een lange gazen sluier geslagen.
+
+De mannen in de fustanella, schitterend van witheid, hebben hun
+crêmekleurig buis aangehouden en de pantoffels met de rozetten van
+blauwe wol, de vesten vol bonte arabesken en de gordels, waar degens
+en patroontasschen aan hangen; of wel ze hebben gele laarzen van leder
+aangedaan, met gouden figuren bestikt, die passen bij de versierselen
+van hun overkleed. Er wordt mij verteld, dat een notabele gisteren zijn
+dochter heeft uitgehuwelijkt; naar grieksche gewoonte is de pope laat
+in den avond aan het huis der bruid gekomen, waar een voorloopig altaar
+is opgericht; driemaal is de trouwring van de hand des bruidegoms
+aan die van het jonge meisje gestoken; ze hebben van hetzelfde
+brood gegeten en uit hetzelfde glas gedronken, om aan te duiden,
+dat voortaan alles voor hen gemeenschappelijk moet zijn, en, gekroond
+met oranjebloesem, zijn ze om het altaar heengegaan, gevolgd door de
+bruidsmeisjes en de bruidsjonkers, terwijl de priesters en de ouders,
+geknield in een kring, over de jonggehuwden de zegeningen des hemels
+hebben afgesmeekt. En de bevolking heeft aan het feest deelgenomen;
+ze is naar het hoogste deel der stad gegaan, waar er schapen voor hen
+geslacht zijn geworden en waar wijn en confituren zijn uitgedeeld; er
+is toen den geheelen nacht gedanst op de tonen van allerlei liederen.
+
+Een rijstsoep, die nog al lekker is, olijven in pekel en een stuk
+rhalva, soort van honingkoek met saffraan en anijs, vormen het menu
+van het uitstekende maal, dat mij op een hoekje van een wankele tafel
+wordt voorgezet door een zeer mooi meisje van het land, wier haren,
+sierlijk in het midden gescheiden, op de schouders hangen. En dan word
+ik naar mijn kamer gebracht, ditmaal in het geheel niet van een bed
+voorzien, en waar dit meubel, dat men voor onontbeerlijk zou houden,
+is vervangen door wat stroo, op den grond uitgespreid. In mijn deken
+gewikkeld en doodop door de afschuwelijke duwen en stooten, waarop
+mijn muildier mij zoo ruimschoots had getracteerd op de plaatsen
+waar de wegen slecht waren, denk ik er slechts aan, nieuwe krachten
+in te zamelen, om even dapper als vandaag de groote vermoeienissen
+van morgen te verdragen.
+
+Reeds om vier uur opgestaan, want ik moet ten einde des avonds
+in Sparta te zijn, vijftien uren per muildier rijden, verlaat ik
+het gastvrije plaatsje Areopolis, en terstond aan de zee den rug
+toekeerend, begin ik de hellingen van den Taygetos te bestijgen, waar
+een diepe insnijding mij een weg door zal banen naar Marathonisi. Voor
+de laatste maal groet ik het schoone land, dat mij zulke nieuwe en
+schoone indrukken heeft gegeven en verdwijn in de woeste kloof, waar
+ik afwisselend eikenboschjes tref, hooge rotsen aan steile afgronden,
+voetpaden, die nauwelijks te onderscheiden zijn in het rotspuin,
+en bergwanden, die wonderlijk mooi verlicht zijn en in trotsche
+majesteit verrijzen. Zoo bereik ik het dorp Karyopolis en zijn
+ellendige hutten, in het bergland verloren. De menschen hier loopen in
+lompen, en ik vraag mijzelven af, waar ze van leven op dezen grond,
+waar de bebouwbare lagen ver te zoeken zijn. Maar ik heb geen tijd,
+een economisch probleem te doorgronden; nog een paar inzinkingen
+en daar is de zee weer, daar is het dal van de Vardoenia en spoedig
+daarna Marathonisi.
+
+Het is tien uur; ik neem, niet zonder eenige ontroering, afscheid van
+mijn braven gaïdoeri en mijn beide metgezellen, die natuurlijk bij
+de gewisselde handdrukken een toespraakje houden. En op een anderen
+muilezel, geleid door een nieuwen agoyaat, begeef ik mij enkele
+oogenblikken later weer op weg naar Sparta en het dal der Eurotas.
+
+Gytheion vertoont op twee tweelingheuvels zijn wankelende stukken
+muur tot aan den rand van den weg, die nauw wordt ingesloten tusschen
+de zee en de bergen. Niet ver van daar springt een bron, waarvan
+het gemurmel over de steenen mij heerlijk toeschijnt. Het is in
+Griekenland zulk een zeldzaam schouwspel, dat ik er mij een poosje
+ophoud, om mijn door de heete middagzon gloeiend hoofd af te koelen,
+terwijl de agoyaat een rietstengel afsnijdt, om er een fluitje van
+te maken. Dan volgt het in puin liggende fort Khaki-Skala, en dan
+begint de weg de hellingen van den Taygetos te bestijgen, namelijk
+het voorgebergte Vardoeno Khoria, waar de Eurotas, die uit de vlakte
+van Sparta komt, zich een weg doorheen moet banen.
+
+Weldra onttrekt een eerste pas Marathonisi aan ons oog en we gaan
+verder met stijgen door boschrijk bergland, van waar de vlakte van
+Helos te overzien is en waar Cytherae zich aan den zuidelijken horizon
+vertoont. Nog een laatste stijging, en bij het dorp Levetzova begint
+de daling naar de vlakte van Sparta, die daar voor mij ligt in een
+goudgeel waas van rieten daken. Een rij laurieren en platanen wijst
+den loop van de Eurotas aan, die hier en daar fonkelend straalt langs
+den prachtigen muur van den Parnon, terwijl de hooge keten van den
+Taygetos zijn reeks van indrukwekkende toppen tegen de lucht afteekent.
+
+Hoewel de zon snel begint te dalen, is het in de diepte van de kom
+ondragelijk warm; de bleeke olijven, de vijgeboomen en de moerbeiboomen
+met hun donker groen, dat ongelukkig onder een laag stof schuil
+gaat, de oranje- en citroenboomen, met gouden vruchten beladen,
+omringen de velden, waar reeds het zaaisel voor het volgend jaar is
+uitgestrooid. Dit is Laconië, een mooie en rijke provincie met veel
+landbouw, waar sierlijke dorpen zich in het groen verbergen en op den
+achtergrond waarvan zich in den vallenden avond achter de acropolis
+van Amyclae de heuvels van Sparta in flauwe omtrekken vertoonen, waar
+ik eindelijk om acht uur in den avond aankom, uitgeput van warmte
+en vermoeienis.
+
+Door tuinen omringd, liggen de witte, lage huizen van de moderne stad,
+die door koning Otto in den loop van zijn kortstondige regeering
+werd gesticht, tegen een heuvel aan, waar broodboomen en heide
+den grond bedekken. Ze waren reeds verdroogd door de zon, wat ik
+opmerkte toen ik den volgenden morgen een tocht ondernam door de
+breede, rechte en eentonige straten aan den voet van den kolossalen
+Taygetos. Groote zwarte cypressen, ook al weer onder een laag stof,
+rezen er ten hemel. Onder luifels etaleerden de winkels van den bazar
+op gevlochten rietmatten de mooie vruchten van Laconië, meloenen
+en fluweelige vijgen, en boeren, gekleed in een lang, rood gewaad,
+met een koord om het midden, loopen af en aan onder het gehinnik van
+hun paarden, de sandalen door touwen vastgebonden aan hun gebronsde
+enkels. Ik ontmoet vrouwen in ruime hemden, met mooi, laag voorhoofd,
+energieke kin, en terwijl ik moet erkennen, dat ze waard zouden wezen
+door haar physiek de afstammelingen te zijn der oude Spartanen, kom
+ik over een grasvlakte bij de plek, waar enkele overblijfselen de
+plaats der antieke stad aanduiden; resten van graven, fondamenten
+van muren, ruïnen van een schouwburg, die naar de strenge wetten
+van Lycurgus alleen bestemd was voor lichaamsoefeningen. Hier,
+beweert men, is het overblijfsel van Leonidas' graf, het stadion,
+waar de jongelieden zich in wedloopen oefenden, en wat verderop,
+een door de Eurotas gevormd eilandje, waar de rivier zich splitst,
+een boomgroep, waar de moderne Lacedemoniërs hun openbare wandelplaats
+hebben aangelegd. Het is de Platanistas, waar men onder het oog der
+grijsaards oudtijds de kinderen sloeg, om ze aan pijn te gewennen,
+waar de jongelieden elkander geregelde gevechten leverden en zonder
+een klacht in den dood gingen. En ik bereik weer de nieuwe stad door
+moerbeiboschjes en denk aan al die ruwheid uit het verleden, aan de
+woeste geestkracht, die hier aan den dag werd gelegd, aan die ruwe
+zeden, die aan de Spartanen, met de verachting van den rijkdom, tevens
+een diepe minachting inboezemden voor de onsterfelijke kunstwerken.
+
+Tegen tien uur moet ik op het oogenblik, dat de warmte verstikkend
+wordt, door het dal trekken, om mij eerst naar Misthra te begeven
+en dan door den Taygetos naar Messenië te dalen. Daar de wegen
+over de bergen, naar het schijnt, niet volkomen veilig zijn,
+hebben de autoriteiten mij nog een gendarme meegegeven, wiens
+nietig uiterlijk niet geschikt is om mijn gevoel van veiligheid te
+vergrooten; daarentegen is mijn agoyaat een stevige vent en tevens
+door onze "symphonie" ook een goede verdediger. Hij heet Christo,
+zooals zoovele van zijn mannelijke landgenooten, die, als ze
+dezen voornaam niet dragen, stellig antwoorden op dien van Georgi,
+Janni of Panayotti. En al pratend met twee metgezellen, die zonder
+gewetensbezwaar en dat nog wel voor een vertegenwoordiger van het
+gezag, de boomen van hun vruchten berooven, komen we in een uur aan
+den voet van de majestueuse keten bij het tegenwoordige dorp Misthra,
+gekroond door de indrukwekkende ruïnen van de middeleeuwsche stad.
+
+Een catastrofe schijnt den berg over zijn geheele lengte te hebben
+gescheurd, en de diepe kloof, die de Grieken "langada" noemen, daalt
+in een chaos van rotsen van schitterende kleuren. Vrouwen zitten voor
+haar armoedige huisjes, het hoofd bedekt met een zwarten sluier, die ze
+op religieuses doet gelijken; ze spinnen in stilte, en heffen slechts
+even de oogen op om ons te zien voorbijgaan. De helling van Meso-Khori
+is weldra bestegen, en we houden stil in de schaduw van prachtige
+platanen, waar een van die kleine turksche fonteinen onder springt,
+die zoo dichterlijk zijn en waar het water te midden van arabesken te
+voorschijn komt, om zachtjes neer te vallen in een steenen bekken,
+dat geheel vochtig is van iriseerende droppels. Ik kan een kreet
+van bewondering niet weerhouden; vóór mij, zeer hoog op de bergen,
+liggen trapsgewijze en in een driehoek de ruïnen van het oude Misthra,
+het frankische, door Villehardouin gesticht, die vorst van Morea, de
+plaats, die om beurten daarna turksch of venetiaansch is geweest en
+eeuwen lang de hoofdstad van Laconië was. Die stad der kruisvaarders,
+die sedert de schepping van het koninkrijk verlaten werd voor het
+moderne Sparta, maakt nu een droefgeestigen indruk van verval onder
+het weemoedig toezien van haar drie oude cypressen, die reeds de
+getuigen waren van haar oude grootheid.
+
+En door nauwe straatjes, die als trappen zich door tuintjes kronkelen,
+tusschen boogvormige arcaden door en binnenpleinen, waar in het
+natte gras schildpadden slapen, klim ik omhoog tot de oude kerk van
+Pantanassia, met de sierlijke zuilengalerij en met in het inwendige
+een nis, waar de fransche leliën boven zijn gehouwen. Daar zijn kleine
+gothische gebouwtjes en een grooter bouwwerk met hoogen gevel, door den
+tijd verweerd en voorzien van talrijke vensters. Dat is het paleis van
+Villehardouin met zijn gekanteelde torens en struikgewas aan den voet,
+waar reptielen zich ophouden. Ik blijf nog stijgen, tot ik eindelijk
+de citadel bereik, omgeven door versterkte muren, waarbinnen veel
+puin ligt en waar waterreservoirs zijn aangebracht. Alles is thans
+in de stad uitgestorven, die daar aan mijn voeten ligt in de ruïnen,
+en alleen de wilde duiven, die in de verlaten ruimten rondvliegen,
+zetten leven bij aan de indrukwekkende eenzaamheid.
+
+Op een sarcophaag gezeten, van waar ik de groene vlakte van Sparta kan
+overzien, die door de groote schaduw van den Taygetos wordt getroffen,
+denk ik terug aan de verre tijden, toen onze voorvaderen over het
+land regeerden; ik roep de herinnering aan onze beschaving op, die
+ik hier, ver van het vaderland, terugvind in de bogen, de latijnsche
+kruisen, de leliën; ik vergeet de byzantijnsche wereld, om door tijd en
+ruimte te gaan tot den tijd van onze Middeleeuwen, welker heroïsme vol
+edelmoedigheid geschreven staat op alle steenen van de ineenstortende
+stad. Daar op eens begint de klok van de oude metropool, overblijfsel
+van de grieksche stad, die ook al vervallen is, nadat ze gebouwd was
+op het oudere puin van het kasteel onzer voorvaderen, te klinken;
+een priester treedt uit het aartsbisschoppelijk paleis en achter
+hem verdwijnen eenige vrouwen in de kerk, gelijkende op groote,
+zwarte vogels, dwalend tusschen de graven.
+
+Nu haast ik mij naar beneden, telkens struikelend over verbrokkelde
+wapenschilden, waar de hagedissen hun zonnebad nemen, en ik treed
+de kerk binnen, terwijl het gebed bijna is afgeloopen. Ik bezie een
+oogenblik den groenen koepel, de ruwe fresco's aan de wanden en de
+oude grieksche opschriften, die uit de veertiende eeuw afkomstig
+zijn, en toen ik opnieuw den drempel overschrijd, verblind door de
+felle helderheid van het licht, voegt de geestelijke zich bij mij
+en zegt: "Sto kalo, wees gezegend!" en wenkt mij, want het kost mij
+moeite zijn dialect te begrijpen. Hij voert mij mee tot aan het oude
+aartsbisschoppelijk paleis, dat dicht in de buurt is, en waarvan de
+muren de sporen dragen van de turksche verovering.
+
+Die lagere grieksche geestelijken, die maar zoo weinig onderwijs hebben
+genoten ondanks de pogingen en de milde giften van den rijken Rhizaris,
+ontzeggen zich door te trouwen den toegang tot het episcopaat. De
+niet gehuwde monnikken worden dus tot bisschoppen en aartsbisschoppen
+benoemd, en de arme pappa's leven daar te midden van hun onbeteekenende
+schaapjes in voortdurende onwetendheid. Nauwelijks hun godsdienst
+kennend, niet in staat de dogma's er van te verklaren, onopgemerkt
+door den staat, die hen niet betaalt, zijn ze wel genoodzaakt om,
+ten einde in de behoeften van hun gezin te voorzien, uit alles geld
+te slaan. Sommigen drijven handel, andere doen aan landbouw, allen
+speculeeren op de lichtgeloovigheid van het publiek of laten zich
+hun diensten zoo duur mogelijk betalen. En zoo ontmoet men dikwijls
+de bleeke broeders met hun donker cylindervormig hoofddeksel, hun
+lang zwart kleed en de haren in den nek tot een wrong opgestoken,
+wandelend zonder eenig prestige onder groote parapluies, die hen
+tegen de zonnehitte beschutten.
+
+Mijn pappa uit Misthra maakt geen uitzondering op den regel, in geen
+enkel opzicht. Zijn vrouw, een grove boerin, zeker nog onwetender dan
+hij, gaat opstaan bij ons binnentreden, kust haar man de handen en
+trekt zich bescheiden terug, alsof het niet bij haar rang zou passen,
+bij ons plaats te nemen. Maar ze treedt een oogenblik later weer binnen
+met een pot bessengelei, waarin wij ieder op zijn beurt ons houten
+lepeltje moeten steken, om dan een glas te vullen met helder water,
+dat mij wel zoo gepast lijkt bij deze temperatuur dan het gesuikerde
+hapje, dat eraan voorafging.
+
+Na enkele oogenblikken van een nog al traag vloeiend gesprek, wil
+ik mijn gastheer voor zijn gastvrijheid bedanken en, de gewoonten
+van het land kennend, laat ik een cadeau van enkele drachmen in
+zijn hand glijden. Men moet aannemen, dat de offerande hem niet
+onwelgevallig is, want ik begrijp uit de woorden, die onder een
+stroom van dankbetuigingen schuilgaan, dat hij mij nog wel eens weer
+tot gids wil dienen. Het helpt niet, of ik hem al zeg, of liever hem
+toeschreeuw, want hij praat veel en luistert slecht, dat mijn bezoek
+is afgeloopen en dat ik mijn muildier weer ga opzoeken, om mijn weg te
+vervolgen, wat ik reeds op het punt was te doen toen ik hem ontmoette,
+hij wil niet hooren, en, mij bij den arm nemend, sleurt hij mij naar
+buiten en herhaalt onophoudelijk: "Pantanassia, Pantanassia!" Ik
+moet er mij wel in schikken, hem te volgen naar het kerkje, dat
+ik zooeven al heb gezien en waarvan hij mij in bijzonderheden de
+merkwaardigheden verklaart; daarna treden we het naburige klooster
+binnen, waar mij het graf van keizerin Theodora wordt getoond, de vrouw
+van Constantijn Palaeologus, den laatsten byzantijnschen keizer. Maar
+dat alles wekt veel minder mijn belangstelling dan het voorkomen van
+de oude frankische stad, waar ik de herinnering aan onze voorvaderen
+terugvind; de spraakzame pappa vindt die beleefd ook interessant en
+laat mij eindelijk vertrekken, mij overladend met zijn zegeningen.
+
+En nu begint de bestijging van de Taygetostoppen; in plaats van
+dien avond in Trypi te slapen, waar we in een uur marcheerens kunnen
+wezen, heb ik besloten, op raad van mijn agoyaat en na een verzoek te
+hebben gericht tot den demarch of burgemeester van Sparta, die mij
+volkomen veiligheid heeft gewaarborgd, den nacht in de bergen door
+te brengen te midden van de herders. Weldra verdwijnt de heuvel van
+Misthra, en we bereiken tegen drie uur de huizen van het dorp, die
+hun roode daken verbergen onder prachtig, donker cypressenloof. Aan
+alle zijden borrelen bronnen in de rotsen, en ik geniet een heerlijk
+welbehagen na de hitte van de vlakte, nu ik de koele frischheid
+mag voelen. Vrouwen wasschen haar linnen aan den rand der beken,
+en ik denk aan de echtgenooten der homerische helden, handig in de
+huishoudelijke plichten, maar met wie deze dames slechts heel in de
+verte verwant zijn.
+
+Maar daar gaapt aan een voetpad onder meidoorns in den berg een
+wonderlijk hol. Dat is de langada van Trypi, in welker nabijheid men de
+plaats heeft meenen te herkennen van de kloof van Caeadas, waar de oude
+Spartanen de misdadigers in wierpen evenals de krijgsgevangenen. En
+inderdaad van een voorgebergte boven den afgrond, kijk ik neer in
+een spleet tusschen de rotsen, en de bodem schijnt er niet anders
+te zijn dan een opeenhooping van menschenbeenderen en stof. Een
+heftige indruk van afschuw doet mij die lugubere plek ontvluchten,
+en langs een steenachtigen weg, die den loop van de Trypiotiko volgt,
+daal ik af in het aangrenzend ravijn.
+
+Plotseling verdwijnt de zon en de koude wind der hoogten slaat mij
+onaangenaam in het gezicht. Ik moet een warmer jas aantrekken daar
+tusschen de kale, roode rotsen, die er dreigend uitzien. Van Trypi af
+was de weg steeds gestegen; nu hadden we het hoogste punt bereikt,
+om dan weer tot de oppervlakte van het water te dalen. Christo
+waarschuwt mij, dat ik moet afstijgen, want dat het pad gevaarlijk
+begint te worden. Inderdaad lagen er groote marmeren steenen,
+glibberig en vuil, waar men licht zou kunnen uitglijden en in den
+afgrond storten. Terwijl ik langzaam voortloop, houdt de agoyaat den
+teugel van het muildier vast, terwijl de gendarme den staart pakt, en
+het arme dier, zoo opgehouden, loopt met moeite, dikwijls uitglijdend
+en een massa steenen in de diepte werpend.
+
+Ik heb werkelijk het gevoel, dat de dood van nabij dreigt, en met een
+gevoel van groote verlichting bereik ik eindelijk de bedding van de
+rivier, waar de weg overheen leidt, om aan den rechteroever weer te
+stijgen. Maar de kalmte zou niet lang duren. Terwijl de Trypiotiko hoe
+langer hoe meer onder ons wegzinkt, gaan we steil omhoog langs de rots,
+die ten laatste zoo ver over de kloof heen hangt, dat wij het geluid
+van den onstuimigen stroom zelfs niet meer hooren. Nu eens stijgend,
+dan dalend langs dien gevaarlijken weg, gaat het verder, tot tegen
+zes uur toen de schemering valt, we de rivier terugvinden, die nu
+kalmer vloeit tusschen mooie platanen. De kale toppen boven ons,
+roodgekleurd door de ondergaande zon, komen mij voor als een booze
+droom. Daar klinkt een woedend geblaf niet ver van ons, en twee groote,
+zwarte honden storten zich op onze karavaan. Christo en de gendarme
+maken een beweging, alsof ze met steenen willen gooien, en dat is voor
+het oogenblik voldoende, om die wilde beesten in bedwang te houden,
+die verbazend woest kunnen zijn en die ik wel heb zien bijten in de
+steenen, naar hen toegeworpen, of ze van woede met hun bek weer in de
+lucht heb zien opgooien. Op hun achterpooten zittend en gereed om op
+ons aan te vliegen, als we naderbij komen, maken die honden een geluid,
+dat in het oneindige door de rotsen wordt weerkaatst. De aandacht
+der herders, die in de buurt zijn, wordt eindelijk getrokken en daar
+verschijnen eenige bergbewoners; op hun bevel houdt het geblaf op,
+en Christo treedt alleen naar voren, om te onderhandelen.
+
+Waarlijk, die menschen zien er niet aantrekkelijk uit. De groote bruine
+mantel, dien ze over hun schouders dragen, hangt tot op de vroeger
+witte slobkousen, die met een zwarten kouseband worden opgehouden. Hun
+gebruind gezicht verdwijnt onder een ruwen baard; enkelen van hen
+hadden lange haren, die rondom hun mutsen en petten uitstonden; allen
+leunden op den langen, gebogen stok als een bisschopsstaf, dien ze
+altijd bij zich hebben, en keken mij dreigend aan. Eindelijk was er
+een overeenstemming getroffen en we begaven ons op weg naar het kamp,
+ditmaal geëscorteerd door de honden, die schijnen te begrijpen, dat wij
+nu burgerrecht hebben verkregen. Al spoedig wordt het schijnsel van
+een vuur onder de boomen zichtbaar; we gaan een landelijke omheinde
+ruimte voorbij, waar de schapekaas, die er wordt bereid in vaten van
+geiteleer, een afschuwelijken stank verspreidt, en komen eindelijk
+tegenover een reeks verblijven, die van een vlechtwerk van bladeren
+zijn opgetrokken en waar de vloeren met dennetakken zijn belegd.
+
+Die herders zijn een ware plaag voor de boomen in Griekenland, die
+ze brutaal exploiteeren en waarvan hun schapen de jonge spruitjes
+nuttigen. De bijl en het vuur doen geleidelijk heele bosschen
+verdwijnen, die mogelijk door een nauwlettender toezicht gespaard
+hadden kunnen blijven. Hier is de eerste oorzaak van de ontwouding,
+die de droogte en de dorheid veroorzaakt, waar het land zoozeer onder
+lijdt. Men moest die lieden doen begrijpen, dat hun eigen belang
+meebrengt, dat ze de boomen eerbiedigen, dat het onvoorzichtig is,
+ze te vroeg te vellen, hun zonder noodzaak de takken te ontnemen
+of altijd maar weer onder de bescherming van hun stammen vuren aan
+te leggen, die ze langzaam sloopen. Maar dat is een moeilijk uit te
+voeren werk, want dit volk is totaal onwetend; men heeft wel getracht,
+op sommige plaatsen nieuw bosch aan te leggen; maar de plantjes, die
+ondanks de brandende zon en de droogte juist wat op streek begonnen
+te komen, hebben al gauw gediend tot voedsel voor de geiten, en de
+overige zijn van watergebrek omgekomen. En zoo gaat het van kwaad
+tot erger, terwijl de openbare macht er nog niet in is geslaagd,
+een middel tegen de kwaal te vinden.
+
+Intusschen is het geheel donker geworden. Ik heb mij in mijn hut
+geïnstalleerd, waarvoor een groot vuur brandt; Christo en de gendarme
+hebben zich bij hun nieuwe vrienden gevoegd op eenige schreden afstands
+en geven hun inlichtingen over mijn persoon en mijn reis; de oogen der
+nu gekalmeerde honden schitteren in de duisternis. Er is vóór mijn hut
+een flinke hoeveelheid hout opgestapeld, opdat ik het vuur zal kunnen
+onderhouden, dat mij verwarmt, en bij het schijnsel waarvan ik thans
+mijn maal gereed maak. Nu of nooit moet ik een paar van die blikjes
+nuttigen, die met wat spiritus dadelijk gereed zijn te maken. En
+terwijl ik op mijn kleine verwarmings-toestelletjes een heerlijke
+portie kalfsvleesch met worteltjes klaar maak, en een niet minder
+smakelijken ragoût van schapevleesch, komen de herders naderbij,
+gaan in een kring om mijn vuur zitten, en een onuitsprekelijke
+verbazing teekent zich op hun ruwe gelaatstrekken. Voor deze halfwilde
+menschen is het gezicht van mijn vernuftige keuken iets geheel nieuws;
+ze doen uitroepen, vragen, stooten elkaar met den elleboog aan en
+lachen. Geen enkele mijner bewegingen ontgaat hun en altijd worden
+er lange besprekingen over geopend. Voor mij is die omgeving ook
+iets vreemds en nieuws, daar zoo in de bergen te zijn, ver van alle
+beschavingsmiddelpunten, met deze roovers, wier oogen op mij gericht
+zijn door den rook en het schijnsel van het vuur heen.
+
+Zoodra mijn maaltijd is afgeloopen, gaan de leege blikjes van hand
+tot hand; ik bied een sigaret aan, waarvan allen gretig profiteeren
+en er begint een gesprek, waaraan ik maar gebrekkig kan deel nemen,
+zoodat ik allen tijd heb, mijn zonderlinge makkers op te nemen, wier
+gelaat en handen met een dikke laag vuil zijn bedekt. Nu herinnerde
+ik mij, dat toen ik eens den Pentelicon beklom met een atheenschen
+vriend, wij op den top een herder ontmoetten van het slag van deze
+lieden, en dat hij ons had bekend, dat in zeven jaren, dat hij in de
+bergen leefde, hij zich nooit gewasschen had. Die man had nog eenige
+verontschuldiging, want het water is schaarsch in de omstreken van
+Athene; maar wat te zeggen van zijn kameraden van den Taygetos, die,
+terwijl er bronnen in de nabijheid zijn, evenmin als hij de behoefte
+voelen met het verfrisschende water kennis te maken?
+
+Weldra gaat ieder opstaan, niet zonder mij beleefd een goeden nacht,
+kale nycta, te hebben gewenscht; ik werp op het vuur een nieuwen armvol
+brandstof, want het is vinnig koud, en Christo heeft mij opgedragen,
+het niet te laten uitgaan. We hebben afgesproken, slechts om beurten
+te rusten, een maatregel, die gepast lijkt in onze omstandigheden.
+
+Ongelukkig komt het uur om te waken nog al vroeg voor mij, en ik merk,
+toen ik wakker word, dat het meer is gaan waaien; de groote boomen
+om ons heen klagen luid, en de vlammen drijven telkens hun rook in
+de hut. Er zijn veel onverwachte geluiden, en in de bergen hoor ik
+klagelijk janken. Is het een hond, die de afnemende maan aanblaft,
+of misschien een wolf, die voedsel zoekt? De nacht schijnt mij
+eindeloos en onze houtvoorraad begint te verminderen. Ik wacht met
+verlangen den morgen, dien ik nooit met zooveel vreugde heb begroet,
+zoo drukkend is de eenzaamheid.
+
+Daar is eindelijk een bleek licht, en omdat ik besloten ben vroeg op
+te breken, wek ik Christo, die zich haast het muildier te zadelen. De
+herders zijn al op, en de honden zijn aan het spelen, nat nog van
+den dauw. Ik leg enkele geldstukken in de vereelte handen, die mij
+worden toegestoken, en huiverend in den morgen wind, beklimmen we de
+hoogte aan het eind der langada. Binnen een uur is de top bereikt,
+juist op het oogenblik dat de roode zonneschijf de transen van den
+Parnon bestraalt. De vlakte, waarin Sparta is gelegen, is nog donker
+achter ons, terwijl de lijnen van den Taygetos achteruitwijken.
+
+De wind blaast als een storm; het is koud en spoedig gaan we verder
+naar Sitsova, waar we een half uur later aankomen. Bij Khania bereiken
+we de vlakte, waarvan de rijkdom en de vruchtbaarheid wonderlijk
+afsteken tegen de woeste eenzaamheid van den Taygetos. Hier zien
+we citroen- en oranjeboomen, velden met tabak, waar moerbeiboomen
+tusschen staan, en eindelijk daagt Kalamata voor ons op met zijn
+door aloë's omzoomde tuinen en zijn mooie cactussen. In de straten is
+het geducht warm, en ik veroorloof mij eenige uren van welverdiende
+rust. Om acht uur in den avond vertrekt de boot naar Athene. Mijn reis
+is afgeloopen, en als de schroef het kalme water begint te slaan in de
+baai, groet ik voor de laatste maal de zwarte massa van den Taygetos,
+die mij zulke onvergetelijke uren heeft bezorgd.
+
+Er is een halfjaar verloopen, sedert ik den nacht heb doorgebracht
+tusschen de herders van den Taygetos ter hoogte van bijna 2000 meter
+boven de zee; de winterregens zijn voorbij en al sinds langen tijd zijn
+de toppen van den Hymettus en den Parnassus van hun licht sneeuwkleed
+ontdaan en worden in hun kaalheid geblakerd door de warme zon van
+April. Nu de mooie lentedagen zijn teruggekeerd, die zoo helder en
+vroolijk zijn in dit gezegende Oosten, ga ik opnieuw droomen van
+heerlijke uitstapjes en lange ritten te paard in de dichterlijke
+eenzaamheid van het bergland.
+
+Waar zal ik anders heengaan, nu het continentale Griekenland mij
+bijna volkomen bekend is, dan maar weer naar dien schilderachtigen
+Peloponnesus, dien ik thans eens wil doortrekken van Korinthe af
+naar de golf van Kyparissia? En nu treft het, dat juist onze gezant
+te Athene, graaf d'Ormesson, mijn naaste chef, mij voorstelt, hem
+op diezelfde reis te vergezellen. Zonder een oogenblik te verliezen,
+maken wij toebereidselen voor een echte expeditie, waaraan ook drie
+bekoorlijke jonge meisjes zullen deelnemen, wier tegenwoordigheid
+wij met vreugde begroeten, mejuffrouw Yolande d'Ormesson, mejuffrouw
+Boulard, haar vriendin, die voor eenige maanden in Griekenland vertoeft
+en mejuffrouw de Cernowitz, dochter van den opperstalmeester van
+Z. M. Koning George.
+
+Wij besluiten, tot Megalopolis, dat midden in Arcadië ligt, met den
+spoortrein te gaan, dan per rijtuig Andritsena te bereiken, om weer
+te dalen langs den tempel van Apollo in de omstreken van Kyparissia,
+waar we den spoorweg weer zullen treffen, die ons naar Olympia en
+Patras zal brengen.
+
+Spoedig is alles gereed; de muildieren en rijtuigen wachten ons;
+de autoriteiten zijn gewaarschuwd, en ons troepje, versterkt met
+een jong schilder van talent, den heer Many Benner, die zonder te
+vermoeden, dat men hem zou uitnoodigen, deel te nemen aan den tocht,
+zijn opwachting aan de legatie kwam maken, zal zich morgen op weg
+begeven. De gezant neemt ook nog het factotum van zijn huis mee, een
+zekeren Panayotti, die als tolk moet dienen en nu al in de drie jaren,
+dat ik hem ken, mij dikwijls heeft geamuseerd. Die jongen, die zijn
+Athene kent tot in de kleinste bijzonderheden, en wiens diensten in
+dat opzicht werkelijk onschatbaar zijn, is wel een volkomen type van
+den modernen Griek. Babbelachtig en demonstratief, nu eens onrustig
+en verward, dan weer langzaam en lui, ook ietwat geslepen en met
+zin voor straatslijperij, heeft hij als al zijn landgenooten, een
+gebruind, olijfkleurig teint en een baard, even glanzig, als zijn
+haren moeten zijn geweest in den tijd, toen hij die schoone kroon
+nog op zijn hoofd droeg.
+
+Hij heeft aan het gezantschap geslachten van gezanten en secretarissen
+elkander zien opvolgen, en nu hij al zoo lang deel uitmaakt van het
+personeel, komt men in de stad er toe, hem een zekere diplomatieke
+waardigheid toe te schrijven. Het prestige, waarmee hij is getooid,
+belet hem echter niet, nu en dan te vechten met den een of anderen
+loustro, die zijn verontwaardiging heeft gaande gemaakt, en zoo heeft
+hij al eens kennis gemaakt met het stroo van de gevangenis van zijn
+land. Maar dat is zoo erg niet; "Dembirazi!" zooals hijzelf zegt,
+zich den linker oksel wrijvend, wat hier een teeken is van de grootste
+onverschilligheid.
+
+Men moet hem hartstochtelijk zien disputeeren, hem allerlei fransche
+woorden hooren gebruiken, die hij niet begrijpt en die over elkaar
+struikelen in zijn mond, zooveel haast heeft hij, of hem zien
+volhouden, dat hij gelijk heeft, door zijn beide armen tegen het
+lichaam aan te drukken, terwijl de palmen van zijn magere handen,
+geopend naar den ander toe zijn gekeerd, als om het welsprekende
+woord te ondersteunen of zijn onmacht te betuigen, er nog een woord
+meer aan te verspillen. Hoe vaak heb ik mij vermaakt met naar hem
+te luisteren en hem over de straatsteenen naar mij te zien toekomen,
+altijd gedienstig, lachend en goedmoedig. En ik denk vandaag, dat het
+portret te schilderen van Panayotti, tevens is een in beeld brengen
+van de grieksche volksziel, hetgeen voor mij een verontschuldiging
+inhoudt van mijn vermetelheid, den lezer zoo lang te hebben bezig
+gehouden met dit merkwaardig personnage.
+
+Op een van die mooie morgens, waarop de feestvierende natuur den mensch
+schijnt uit te noodigen, met haar in te stemmen, bereiken wij reeds
+om zes uur het station van den Peloponnesus, terwijl het Parthenon
+bloost onder de eerste stralen van de zon. Het zal warm worden
+vandaag, en de stad weerklinkt reeds van het geroep der dragers,
+die in zakken water van Amaroesi te koop aanbieden of coecoeria,
+een soort van kleine, droge koekjes, gewoonlijk bedolven onder het
+stof en door de menschen in hun koffie gedoopt. Toen alle leden der
+karavaan langzamerhand waren gearriveerd, stapten wij in den trein,
+waar onze bagage was opgestapeld; daar klinken de tonen van een
+spoorklok, achterblijvers worden aangeroepen; nog wat gefluit, want
+de grieksche treinen hebben heel wat moeite, om op dreef te komen,
+en daar gaat de optocht heen in een wolk van stoom.
+
+Daar is Eleusis weer, en Salamis duikt in de verte op en het witte
+Megarae; dan de mooie witte kustweg, dien ik vroeger bewonderde
+bij het gaan naar Korinthe en de groote vlakten van steenachtige,
+roode aarde, waar donkere vlekken zich vertoonen door de dennen,
+doorloopend tot de zee, die zoo blauw is, dat de hemel daarnaast
+bijna bleek schijnt. Wij stoomen over het kanaal, rijden langs de
+baai met haar sierlijk afgeronde bochten, en na Korinthe een groet
+te hebben toegezonden, alsook aan de bergen, stralend in het licht,
+verdwijnen we in de kloof, die naar Argos voert. Weldra is de trein in
+de verstikkend heete vlakte en houdt als uitgeput stil bij het station
+Argos, waar we den tak naar Nauplia zich links laten verwijderen.
+
+De spoorweg richt zich dadelijk naar den voet der bergen; er ontspringt
+een bron uit de rotsen en het stroompje brengt op zijn korten weg
+naar de zee veel molens aan zijn oevers in beweging. Dan krijgen we de
+moerassige terreinen, waarin de Erasinor en de Inachos zich verliezen,
+hoogoprijzend gras, waar, naar het schijnt, veel wild is te vinden,
+houten bruggen, die doorbuigen onder het gewicht van den trein, tot wij
+eindelijk aan het zeestrand komen bij het station Myli, het Lerna der
+Ouden. En terwijl we Nauplia bewonderen, dat daar beneden ligt aan de
+golf, denk ik aan de legenden, die deze plek tot een der beroemdste
+uit de Oudheid maakten, aan dien bekenden vijver, gevormd door de
+bronnen en beken, die van den berg Pontinos komen, waar Hercules een
+zijner twaalf werken verrichtte en die thans, door het groen omsloten,
+door de vrouwen wordt gebruikt, om haar wasch te spoelen.
+
+Weer een illusie, die verdwijnt in de droeve werkelijkheid van het
+moderne leven! Hoewel al deze moerassen in het geheel geen slangen
+meer herbergen, door helden te bedwingen, is hun nabijheid niet minder
+gevaarlijk, vanwege de koortsuitwasemingen, die eruit opstijgen. En
+wat buitendien te zeggen van die verschrikkelijke muskieten, die
+ons beginnen te hinderen? Dit is wel een land, waar ik niet graag
+zou willen wonen; ik heb te Athene te goed de kwellingen leeren
+kennen van de slapelooze nachten en het wreede alternatief, waarin
+ik mij dikwijls bevond, om of te stikken onder het muskietennet,
+of dadelijk de prooi te worden van den vijand, als het instrument
+even wordt opgetild, dan dat ik er spijt van zou hebben, dat we niet
+langer blijven op een plek, waar men zooveel moet lijden.
+
+De trein vertrekt weer en rijdt langs het haventje, waar eenige
+kleine bootjes liggen te schommelen, en treedt dan bijna terstond
+het bergland van Arcadië binnen. Niets dan kale steilten, bedekt
+met ellendige heide of wild struikgewas. Is dit dan het gelukkige
+land, dat door de dichters werd bezongen? Waar zijn dan de bronnen,
+de boschjes, het tooneel der herderszangen, de bloeiende weiden en de
+vreedzame bosschen? Nauwelijks vertoonen zich op de hellingen van den
+Parthenion of den Ktenia, die de dalen met hun sombere grijze toppen
+beheerschen, enkele roeden bebouwden grond; nauwelijks verbergen
+enkele armoedige huizen hun ellende onder oasen van egelantieren, of
+verlevendigen enkele schapen, die, gehoed door zwaarmoedige herders,
+mij minder aan de helden van Theocritos doen denken dan aan mijn
+makkers van den Taygetos, vandaag de eenzame plateau's!
+
+Het landschap blijft hetzelfde, tot we in de vlakte van Tegea komen,
+een dier te zeldzame en te kleine kommen in den Peloponnesus, waar aan
+landbouw kan worden gedaan. Daar zijn waarlijk velden met bijna rijp
+koren, wijngaarden, die er goed uitzien, en boomgaarden, die bloeien
+en een goeden oogst beloven. Dan nog weer moerassen, die het gevolg
+zijn van het ontbreken eener afvloeiing van de Saranda Potamos, en die
+met de vochtigheid van Mantinea van deze plaats een der gevaarlijkste
+centra van slechte lucht maken uit het geheele land. De leden van
+onze School van Athene, die er twintig jaren geleden opgravingen
+deden, weten daarvan mee te praten en moesten meermalen, overwonnen
+door ziekten, den geregelden gang van hun arbeid staken. Dus waren
+we verheugd, eindelijk te Tripolis te komen, de hoofdstad van de
+provincie Arcadië, die tegenwoordig dank zij den spoorweg en de goede
+ligging uit handelsoogpunt een zekere welvaart geniet.
+
+Op het perron wemelt het van een schilderachtige en luidruchtige
+menigte menschen, met veel kooplieden ertusschen, die aan de
+reizigers de producten van hun industrie komen aanbieden. Hier
+worden vervaardigd een gedeelte van die rood lederen voorwerpen,
+die alle bazars van het Oosten vullen. Het zijn gordels, met figuren
+opengewerkt, allerlei portretlijstjes, handtaschjes, tabakzakken,
+pantoffels en muiltjes. Twee of drie verkoopers haasten zich,
+onze coupé binnen te treden en werpen inderhaast op onze knieën
+enkele van die kunstvoorwerpen, waarvan ze ons den prijs in de ooren
+schreeuwen. Er wordt een twistgesprek begonnen; men onderhandelt, en
+wanneer men ten slotte wat minachting aan den dag legt of een kalme
+onverschilligheid, verkrijgt men gemakkelijk, ook met de hulp van
+het naderend sein tot vertrek, een verrassenden afslag in den prijs.
+
+En weer hervat de trein zijn loop door de kleine vlakte. Dit is
+de plek, ingenomen door de drie antieke steden Pallantion, welker
+overblijfselen hebben gediend, om Tripolis te bouwen, een stad,
+die dus betrekkelijk modern was ten tijde van de verwoesting door de
+Turken in 1825. Dadelijk daarna komen we weer te midden van bergland
+en heuvels, die aansluiten bij de voorbergen van den Taygetos en te
+midden waarvan Megalopolis is gelegen, waar we tegen vier uur in den
+namiddag aankomen.
+
+De eerste persoon, dien we bij het uitstappen ontmoetten, is de brave
+Panayotti, die hier al gisteren is aangekomen, om voor ons rijtuigen
+op te scharrelen en te huren. Hij heeft natuurlijk aan de heele stad
+verteld, dat de gezant van Frankrijk er den volgenden dag zou aankomen,
+zoodat een groote menigte het station vult. De vreemdelingen zijn
+zeldzaam te Megalopolis, en dus begrijpt men, dat de nieuwsgierigheid
+der menschen in sterke mate is gaande gemaakt, nu de tegenwoordigheid
+zal zijn waar te nemen van een officiëel persoon van beteekenis,
+en slechts met heel wat moeite, baant de eenige politieagent ons een
+weg tusschen al die stijf tegen elkander dringende schouders door.
+
+Op het kleine, stoffige marktplein met lage huizen er omheen wachten
+ons twee zonderlinge voertuigen, waar ik vrees, dat ons een marteling
+te wachten staat, die, hoewel verschillend, niet zal onderdoen voor
+de gruwelijke kwellingen op den muilezel. Het zijn karren op twee
+wielen, slecht hangend in roestige veêren, en waarvan de carrosserie,
+schitterend rood en blauw gekleurd, van boven een galerij van kleine,
+gele zuiltjes draagt. Als zitplaatsen twee houten planken, die er niet
+op schijnen berekend, de schokken van den weg te matigen. Die soesta's,
+zooals men de wagentjes noemt in het land, worden getrokken door een
+klein, gezadeld paard, dat strakjes te drinken krijgt uit een blikken
+emmer, die met een zak haver achter aan het voertuig is bevestigd. Wij
+installeeren ons met ons drieën in elk der rijtuigen, die, ze mogen
+dan al niet sierlijk of gemakkelijk zijn, toch het voordeel bieden,
+dat ze van echt lokale kleur zijn. "Embros!" (Vooruit!) en daar
+vertrekken we naar Karytena.
+
+De eerste oogenblikken zijn afgrijselijk; diegenen onder mijn lezers,
+die hun militairen dienst bij de artillerie hebben doorgebracht,
+en die vele uren achtereen hebben moeten zitten op kanonnen, die
+over het bouwland stoven in een galoppade, zullen beter dan iemand
+begrijpen, wat wij moesten doorstaan. De weg is als naar gewoonte,
+erbarmelijk afgebroken door diepe plassen, waar we in neerstorten,
+vol losse steenen, die tegen de rijtuigen opspringen en dan zwaar
+op den grond vallen, terwijl het vervelende drafje, dat aan den
+wagen een aanhoudende schudding van voren naar achteren geeft, ons
+volkomen radbraakt. En dan te weten, dat dit ten minste drie uren
+moet duren! In welk een staat van ontwrichting zullen we ten slotte
+in dat afgelegen Karytena aankomen?
+
+Intusschen begint de avond te vallen, en dikke, zwarte wolken komen
+op aan den nog helderen hemel. Zal dan mogelijk het weder toch het
+succes van onze expeditie bederven en zal het ons verhinderen, morgen
+te genieten van dat heerlijke licht, zonder hetwelk dit land, dat een
+zonnevriend is, schijnt te slapen onder een grooten rouwsluier? De
+weg, gelijk aan een onzer slechtste zandwegen, loopt om bergen,
+die hier en daar bosschen dragen en gaat dan een klein dal binnen,
+waar we eenig bouwland zagen. Tegen zeven uur, toen de bijna totale
+duisternis ons belette, iets van het landschap te zien, begonnen
+enkele regendruppels te vallen, en tegelijkertijd nam een hevige
+rukwind mijn hoed mee en deed dien verdwijnen in een roggeveld.
+
+Dit onbeteekenende voorval, dat zijn grappige zijde had, dreigt mij
+met ernstige gevolgen; ik heb natuurlijk geen ander hoofddeksel
+bij mij, en we komen in een streek, waar ik niet de geringste
+hoop behoef te koesteren, den hoed, dien ik verloren heb, te kunnen
+vervangen. Als ik dus niet drie dagen lang mijn hoofd wil blootstellen
+aan de brandende zon en een doodelijken zonnesteek oploopen, moet ik
+of mijn hoed opzoeken of de pet van een herder leenen. Daar ik dat
+tweede alternatief niet dan met een zekeren schroom overdacht, haast
+ik mij op den grond te springen en ga dan, geholpen door Panayotti,
+op den tast aan het zoeken in de duisternis. Na eenige minuten vind
+ik het gewenschte terug.
+
+Eindelijk beginnen we onduidelijk een donkere massa te onderscheiden,
+die de donkere berg moet wezen, gekroond door het versterkte kasteel
+van Karytena; maar de slingerende weg maakt zooveel bochten, dat het
+doel zich schijnt te verwijderen, naarmate we intusschen er dichterbij
+komen. Plotseling wordt een vuur op den top ontstoken, dan volgt een
+ander en daar doemen de oude kanteelen van het feodale kasteel helder
+op in het licht der vlammen. Tegelijkertijd begeven honderden van
+lichtjes zich op weg langs de hellingen, waar de huizen schilderachtig
+over zijn uitgestrooid in boven elkaar gelegen reeksen. Een heele
+menigte is op weg, om ons tegen te komen; de wegen zijn verlicht;
+daar in de hoogte worden de groote vuren talrijker en bestralen al
+spoedig het geheele land; een oud kanon, dat alleen op feestdagen
+wordt gebruikt, dondert met korte tusschenpoozen en wekt de slapende
+echo's in de verre bergen.
+
+De boeren hebben den gezant van Frankrijk eer willen bewijzen, omdat
+zijn naam al lang in Griekenland populair is geworden, en het is hun
+gelukt, want deze nachtelijke ontvangst in het afgelegen land, bij het
+dreigend onweêr en in het licht der toortsen, heeft een verrassende
+uitwerking. Het is acht uur in den avond, als we aankomen aan den
+voet der steilte; de bewoners wachten ons op ter hoogte van de eerste
+huizen, en zoodra de soestra's uit de duisternis te voorschijn treden,
+gaat er een luide kreet uit aller borst op van: "Zito o kyrios presvis,
+zito i Gallia! Leve de Gezant, leve Frankrijk!" De burgemeester
+treedt naar voren, richt tot graaf d'Ormesson eenige welkomstwoorden
+en verzoekt hem met zijn gevolg in het burgemeesterlijk huis zijn
+intrek te willen nemen. Panayotti, die meer of minder getrouw de kleine
+toespraak heeft vertaald, is verrukt en opgewonden, trotsch, dat hij
+de rol van tolk mag spelen tegenover de saamgestroomde menigte van
+zijn landgenooten. En terwijl wij antwoorden met helder opklinkende:
+"Zito i Ellas!" op de vreugdekreten der toortsdragers, begint de
+beklimming van de lastige, steile straatjes. De geheele bevolking
+begeleidt de rijtuigen, die in de golvende menigte verdwijnen; een
+sterke harsgeur stijgt ons naar de keel, en onze schaduwen dansen
+reuzengroot langs de gevels van de roodgekleurde huizen.
+
+Vermoeid en doof van al het lawaai, komen we eindelijk aan de deur van
+het huis van den demarchos, dat hooger is gelegen dan de andere huizen,
+zooals past voor de woning van een gemeentelijk magistraatspersoon. We
+worden eerst gebracht in een vrij groot vertrek, met witgekalkte
+muren en nog al zindelijk onderhouden; een divan, die op een smalle
+houten bank gelijkt, bedekt met een rood tapijt van inlandsch weefsel,
+neemt één wand van het vertrek in, terwijl het sobere ameublement
+verder bestaat uit een withouten tafel, een vermolmde commode, een
+vettigen armstoel en eenige stoelen met matten zitting. Tegen den
+muur hangen op een eereplaats twee chromo's, die Koningin Olga en
+Koning George voorstellen; dan eenige gravures, die betrekking hebben
+op den onafhankelijkheidsoorlog, een vrome schilderij, waarvoor een
+kaars brandt.
+
+"Kaloi crisete, weest welkom!" herhalen nog eens de burgemeester en
+zijn vrouw, die in alle bescheidenheid ons de handen komt kussen,
+en terwijl Panayotti onzen maaltijd gaat bereiden met behulp van een
+walmende lamp, worden wij gebracht naar de beide vertrekken van het
+huis, die ons welwillend voor den nacht worden aangeboden. Welke
+hokken! We vinden er een opeenhooping van onnoembare dingen, van
+voddige kleeren, die over de meubels hangen, alles van terugstootende
+vuilheid. De muren hebben gaten, zoo groot, dat men er de hand in kan
+leggen; de vloeren en de zolderingen zijn zwart; de bedden voorzien van
+ruwe lakens, die men niet voor andere schijnt te zullen verwisselen,
+en die door den nacht in een afgrijselijk mysterie zijn gehuld. Ons
+besluit was dan ook weldra genomen; we zullen in de ontvangkamer
+blijven, die thans onze eetzaal is en die dan in slaapzaal zal worden
+veranderd, want hier zullen we beter in staat zijn, de ontberingen
+van ons lot te dragen. Onze gastheer schijnt zeer verbaasd over dat
+onverwachte besluit, en we hooren hem langen tijd met zijn vrouw
+praten, terwijl die laatste haar zorgen wijdt aan een lamsgebraad,
+dat straks ons menu van spijzen uit blikjes moet aanvullen.
+
+Wij moeten het meest mogelijke nut trekken uit de aanwezige meubels,
+die te onzer beschikking staan. De gezant, die zijn veldbed heeft
+meegenomen, is al gered; dus blijven er voor ons vijven een tafel,
+vier stoelen, een leunstoel en de ongemakkelijke divan. Het is er
+nu om te doen, die ongelijksoortige dingen in bedden veranderen,
+of ten minste in iets, dat er een beetje op gelijkt! De taak gaat
+inderdaad boven onze krachten, en we moeten al spoedig afstand doen
+van het vooruitzicht, een oogenblik gekoesterd, dat we een weinig
+zouden kunnen uitrusten van de vermoeienissen der reis. De tafel,
+waaraan we juist hebben gegeten, wordt toegekend aan mejuffrouw
+d'Ormesson, die er zich op uitstrekt, in haar deken gewikkeld. De
+beide andere jonge meisjes en ik nemen plaats op den divan, terwijl
+de heer Benner zich in den armstoel installeert. Den geheelen nacht
+brengen we zoo door bij het zwavelkleurige licht van bliksemstralen,
+die voor een oogenblik telkens de huizen bestraalden van het aan onze
+voeten in het donkere dal der Alpheus sluimerende dorp.
+
+Om zes uur in den morgen waren we op, zonder dat het opstaan ons eenige
+moeite kostte, ofschoon we veel vermoeider waren dan den vorigen
+dag. De eenige waschkom uit het huis wordt op een steen vóór het
+huis neergezet, en ik vermoed, te oordeelen naar de belangstelling,
+die wij bij de inboorlingen gaande maken, dat het schouwspel van een
+persoon, die zijn morgenwassching doet, en die een handdoek gebruikt,
+iets zeer zeldzaams is hier. Weldra verschijnen de beide soesta's van
+den vorigen dag bij een bocht van den weg. "Kalin antamosin, dat God
+u een aangename ontmoeting bezorge!" klinkt het uit den mond van den
+burgemeester, die daarbij ernstig zijn oogen ten hemel heft, en wij
+herhalen dezelfde formule, zonder er iets bij te denken, terwijl de
+beleefdheid ten overvloede nog eischt, dat we er bedankjes bij voegen
+voor een gastvrijheid, die inderdaad niets beteekende. Daarna beginnen
+wij langzaam de hellingen af te gaan, gevolgd door kinderen in lompen,
+die op bloote voeten over de scherpe steenen draven op hoop van een
+laatste aalmoes.
+
+Het nachtelijke onweêr heeft de temperatuur in het geheel niet
+opgefrischt en het is al broeiend heet nu in den vroegen morgen;
+wat zilveren nevelen hangen in het dal, waaruit geblaat van
+schapen weerklinkt; de hanen roepen elkaar hun morgengroet toe en
+begroeten de eerste stralen der zon, die boven den Valtetso Voeni
+verrijst. Langzamerhand trekt de nevel op; de oude huizen van
+Karytena met hun houten balkons worden achtereenvolgens verlicht,
+en het indrukwekkende kasteel, dat door Hugo de Brière werd gesticht,
+en waar Kolokotroni weerstand bood aan het leger van Ibrahim Pacha,
+teekent trotsch de kroon van zijn hooge gekanteelde muren tegen den
+bleekblauwen hemel af, waar kleine wolkjes als rose vlokken in drijven.
+
+Wij komen ten laatste aan de diepe bres, waarin de Alpheus bruist
+tusschen twee kale, steile wanden; er is een mooie brug over den
+stroom gebouwd en dan begint de weg te stijgen met groote kronkelingen
+langs de berghelling. De kloof schijnt dieper te worden rechts van
+ons, naarmate we hooger stijgen; de klank van de watervalletjes wordt
+flauwer, terwijl de alleenstaande berg van Kalytena steeds majestueuser
+oprijst boven de valleien, waar het rijpe koren reeds een gele tint
+over legt. Nog een golving van den bodem, een laatste bocht van den
+weg, en we verliezen de Alpheus uit het oog, die naar het Noorden
+haar weg vervolgt. Het fort verdwijnt dan uit ons gezicht, omringd,
+als het is door hoog oprijzende toppen.
+
+Er komen dan een reeks van plateau's, nu eens mager beboscht met
+dwergeiken, bloeiende heide en distels, dan weer rotsachtig en
+onvruchtbaar of wel bedekt met armoedig bouwland. Het land is totaal
+verlaten, en daar de weg toevallig niet al te slecht was, komen de
+paarden vrij gauw vooruit. In de verte daagt de Khalasmeno Voeno op,
+omringd door met groen overdekte hoogten aan den overkant van een
+diep dal, waar we steeds langs rijden. Het oog rust op een chaos van
+bergen, die op elkander gestapeld schijnen en waarop kudden geiten
+loopen te grazen tusschen de struiken. Geen geluid van een vogel,
+geen menschelijke stem! Die zware stilte begint wezenlijk drukkend te
+worden, en toen we dan ook tegen tien uur bij een eenzame khani komen,
+waar onze koetsiers water vinden voor de paarden, zijn we gelukkig,
+dat we eindelijk eens uit de gruwelijke wagens komen, die sinds
+gisteren onze ledematen hebben geteisterd, en eens enkele minuten
+ons vrij kunnen bewegen.
+
+Boeren, die ons tegemoet treden, schijnen erg verbaasd, die groep
+van Europeanen te ontmoeten, die te voet onderweg zijn. Ze vragen
+ons natuurlijk, wie we zijn en van waar we komen en blijven staan
+nadenken, toen ze hooren van Frankrijk en Parijs. Inderdaad beschouwen
+de Grieken, ook die niet, die tot de hooge kringen behooren, hun land
+niet als deel uitmakend van Europa. Is dat een natuurlijk gevolg
+van de ligging van het koninkrijk zoo dicht bij Azië, waar het uit
+politiek, zoowel als uit sociaal oogpunt eigenlijk bij behoort? Of
+komt het door het feit, dat het land niet met Europa verbonden is door
+een spoorweg, of wel moet men die zonderlinge opvatting toeschrijven
+aan de woeste bergen van Macedonië, die wel een waren slagboom vormen
+tusschen Griekenland en de andere beschaafde landen? Ik weet het niet,
+maar zeker is het, dat elken keer, dat een Helleen Athene verlaat,
+om zich naar een der steden van het vaste land te begeven, hij nooit
+zal zeggen, dat hij naar Frankrijk of naar Duitschland gaat, maar
+eenvoudig, dat hij naar Europa vertrekt, en niemand komt het in de
+gedachte, die manier van spreken zonderling te vinden.
+
+Daarom zijn wij voor onze brave boeren eenigszins legendarische
+personen, door geheimzinnigheid omringd; we zijn hen al lang
+voorbijgegaan, als ze nog staan om te kijken, als vastgeworteld
+op den weg, en eerst als we bij een bocht van den weg geheel zijn
+verdwenen, zetten ze hun reis voort; ze hebben voor den geheelen dag
+een onuitputtelijke bron van discours.
+
+Iets verder treft ons oor een scherp geluid. Aan den anderen kant
+van den weg is in de schaduw van een kromgegroeiden plataan, den
+eenigen van zijn soort voor verscheiden honderden meters in het
+rond, een herder gezeten, die langzaam een droevig liedje zingt, een
+dier klaagzangen, handelend over liefde en oorlog, waarvan sommige
+coupletten, in een klagend rhythme, dat aan het juk der Turken
+herinnert, dikwijls heerlijk naïef zijn. Zijn metgezel begeleidt hem
+op de fluit, terwijl de geiten, moe en loom van het zoeken naar het
+magere voedsel tusschen steenen, versuft schijnen door de drukkende
+warmte, waar de krekels zich over verheugen. Het is een bekoorlijk
+tooneel, en we besluiten, hier te wachten onder het aanroepen van
+de schim van Theocritus en Virgilius, tot onze rijtuigen komen, die
+niet ver meer kunnen zijn. Daar komen ze dan ook al in galop aan in
+een wolk van stof; we moeten ons thans haasten, als we vroeg genoeg
+te Andritsena willen zijn, om in den namiddag het uitstapje te maken
+naar Bassae. Dus werd het ontbijt maar in de soesta genuttigd, zoo
+goed en zoo kwaad, als het gaat en het werd met moeite verteerd. De
+paarden hebben een drafje aangenomen, en de bewegingen, die ze aan het
+voertuig bijzetten, zijn zoo gesaccadeerd, dat het haast onmogelijk
+is, een hapje naar den mond te brengen; glazen en flesschen, borden
+en messen dansen in de kist van het rijtuig een dollen rondedans,
+en het is een waar kunststuk, een slok te drinken, zonder bijna al
+het vocht over zich heen te storten. Eindelijk is daar Andritsena,
+liefelijk uitgespreid over de groenende hellingen der bergen, half
+verborgen tusschen de boomen, die langs de bochtige oevers van een
+paar riviertjes staan. De slanke cypressen, die zulk een kenmerkend
+karakter aan de landschappen van Griekenland geven, steken in grooten
+getale tusschen de platanen hun kruinen omhoog, als zooveel zwarte
+fabrieksschoorsteenen, en olijfboomen vullen de tuinen, waar bronnen
+murmelen en waar de roode daken der huizen in het groen schitteren.
+
+De straten zijn zoo vol, dat onze soesta's zich slechts met moeite
+een weg banen door de krioelende massa menschen, die toegestroomd
+is, om ons te zien, en het is voor ons maar net mogelijk, aan
+de deur van de herberg uit te stappen, waar de paarden wachten,
+gezadeld en gereed voor het vertrek. Al die menschen lijken verbaasd,
+schreeuwen en gillen en maken allerlei bewegingen als razenden. Er
+worden uitroepen gehoord, opmerkingen van allerlei aard; men duwt
+elkander, om beter te kunnen zien, en dat met het gevolg, dat wij
+tegen den muur worden gedrongen. We gingen er toen ons maal gebruiken
+met een versterkend kopje koffie. Eindelijk na veel onderhandelingen
+en zuurzoete discussies tusschen Panayotti en de agoyaten, die het
+niet eens kunnen worden over een billijke verdeeling van onze bagage,
+na stroomen van woorden, die op niets uitloopen, komt onze karavaan
+in beweging en veroorzaakt in de menigte, nu door nieuwsgierigheid
+als versteend, een langdurige beweging, en dan begint de bestijging
+langs een voetpad, dat onder hooge eiken loopt boven het lachende dal.
+
+De lucht is bewolkt; het liefelijke landschap van Andritsena verdwijnt
+om plaats te maken voor kale dalen en heuvels, waar we aanhoudend
+moeten stijgen en dalen; daarbij steekt de wind op, zwarte wolken
+drijven boven ons hoofd, alles versombert, en in de stilte weerklinkt
+alleen de stem van de agoyaten, die elkaar wat toeroepen van het eene
+naar het andere eind der karavaan. Ze zijn intusschen heel aardig en
+hulpvaardig, maar ook nieuwsgierig en babbelachtig. Ze willen onze
+namen en voornamen kennen, enkele gewone woorden in het Fransch hooren,
+die ze dan grappig herhalen, en toen de jonge meisjes de bloemen aan
+den weg bewonderen, haasten ze zich, haar die aan te bieden.
+
+Wij stijgen steeds en beklimmen de hoogten van den Paleo Kastro, waar
+enkele magere eiken, afschuwelijk vergroeid, en bijna bladerloos,
+hun groote, kale takken uitspreiden. De stammen zijn hier afgeknaagd
+door de geiten, daar verbrand door de vuren der herders, en ik kan
+mij niets treurigers voorstellen dan die verspreide overblijfselen
+van vroegere bosschen, op het punt van sterven, en nu gesleurd door
+den hevigen wind. Nog een enkele snelle daling, een stijging door
+een boschrijker gebied en eensklaps liggen daar beneden ons als een
+verschijning uit een tooversprookje de zuilen van den tempel van
+Apollo, vol majesteit uit den grond verrijzend.
+
+Ik geloof niet, dat ik sedert ik in Griekenland ben, een indruk heb
+gekregen, die zoo sterk was als bij het zien van dit schouwspel. Dat
+komt, doordien er inderdaad geen enkele tempel is, noch onder de
+prachtige monumenten van Paestum en Girgenti, die in zoo dichterlijke
+omgeving ligt en zoo, van uit de verte gezien, afgezonderd en eenzaam
+daar op een woest gebergte zich verheft te midden van donkere rotsen
+en dreigende steilten. Een puinhoop van dikke steenen omringt aan
+alle kanten de zes-en-dertig zuilen, die nog hun architraven dragen
+en precies den rechthoekigen vorm van het gebouw aangeven. Zoo is dan
+ook de aanblik van het zoo goed bewaard gebleven gebouw verrassend;
+er is hier geen marmer gebruikt, maar een soort van grijzen kalksteen,
+die wonderlijk mooi samenstemt met den algeheelen indruk van het
+landschap op dezen laten, donkeren, regenachtigen namiddag.
+
+We betreden den tempel door den pronaos, gaan door de cella, nog
+duidelijk aangegeven door de lijn der instortende muren, waarboven
+de kale bergtoppen opsteken, en waar het gras groeit tusschen de
+reten der steenen. Het lijkt ons, dat we aan het eind zijn gekomen
+van een vrome bedevaart; ieder zwijgt, denkend aan de wonderbare
+oudheid, aan de gewijde ceremoniën, waardoor de glorie en de macht
+werden verheerlijkt van die goden, die nu begraven liggen onder de
+puinhoopen van hun altaren in de grootsche en plechtige omgeving van
+de droevig stemmende natuur.
+
+Die herinneringen bestormen in massa onzen geest, en enkele
+oogenblikken later bereiken we den nabijzijnden top van den Kotylion,
+van waar men het uitzicht heeft op een wijd bergenpanorama. Ik herken
+den Taygetos, de vlakte van Messenië, de golf van Kalamata, nauwelijks
+zichtbaar in den opkomenden nevel; de sneeuw van den Erymanthos is
+in het Noorden zichtbaar, en dichterbij zien we het dal der Alpheus
+en de eentonige lijn van de golf van Kyparissia. Maar de blik wordt
+als vastgehouden door het heiligdom van Apollo, dat aan onze voeten
+ligt, vol majesteit in de eeuwenlange vergetelheid en waar groote
+roofvogels boven zweven. Met een diep bewogen gemoed en onder den
+indruk dier hooge kunst, dalen we eindelijk weer af door de bloeiende
+bremstruiken en door eikenboschjes, die alleen voor ons het eeuwige
+lied der lente zingen en die ons schijnen te zeggen, dat ten minste
+niet alles dood is op deze plek....
+
+Geduldig wachten ons de agoyaten, pratend met een zonderling wezen,
+uit ik weet niet wat voor hol gekropen. Is het wel een man, niet
+eerder een vrouw? Welk bestaan leidt het? De kleeding doet het eerste
+vermoeden, maar het fijne gezicht, de lange haren, de zachte en
+droeve oogen doen ons aarzelen. Onnoodig, pogingen aan te wenden,
+om het wezen aan het spreken te brengen; het kijkt ons vast aan,
+zonder de lippen te openen en wij moeten weer vertrekken, zonder het
+geheimzinnig raadsel te hebben opgelost. De avond valt; nog eenmaal
+werpen we een blik op de zuilen, die weldra in een terreinplooi zullen
+verdwijnen en we slaan den terugweg in.
+
+Het is donker onder de boomen, en de paarden struikelen telkens; maar
+we moeten haast maken, om aan een lange, moeilijke, nachtelijke reis
+te ontkomen. Maar ondanks onze pogingen en trots de flinkheid van onze
+paarden is het donker, als we tegen acht uur eindelijk te Andritsena
+aankomen. Panayotti wacht ons, om ons naar het gastvrije huis te
+geleiden van een notabele uit het stadje, waar we hopen degelijk
+te kunnen uitrusten van de vermoeienis der beide zware dagen. Daar
+wacht ons een aangename verrassing; zachte matrassen liggen op den
+parketvloer der kamers, die eenvoudig en zindelijk zijn; alles ademt
+hier welstand en een zeker comfort, die beide prettig afsteken bij de
+armoede der woningen, tot nu toe door mij gezien in Griekenland. Wij
+kunnen onze oogen niet gelooven en zijn nog onder de bekoring, die bij
+ons wordt gewekt door de gedachte aan een te verwachten goeden nacht,
+als zich een statige heer in de deur vertoont en de eer verzoekt van
+ons bezoek aan de stedelijke bibliotheek, waar, naar het schijnt,
+eenige oude fransche boeken aanwezig zijn uit den tijd der frankische
+bezetting. Die perkamenten zijn, daar twijfelen we niet aan, uiterst
+belangrijk, maar het oogenblik komt ons heel slecht gekozen voor,
+om ze te bezichtigen.
+
+Wij kijken elkander eens aan, en ons gelaten in ons lot schikkend,
+volgen we zonder geestdrift den braven man, die gelukkig is door
+het genoegen, dat hij ons meent te verschaffen. Eenige oogenblikken
+later zijn we in de groote zaal der helleensche school, waar bij het
+licht van een waskaars, door den priester vastgehouden, we in haast
+de interessantste planken nagaan. Maar de vermoeidheid is grooter dan
+onze moed; ondanks alles glijden onze oogen, zonder te zien over de
+manuscripten, die het misschien de moeite waard zou wezen, rustig te
+onderzoeken, en na vele dankbetuigingen bereiken we zoo gauw mogelijk
+ons logies.
+
+We werden eerst om zes uur den volgenden morgen wakker, juist op
+het oogenblik, toen de roode zonneschijf, van achter de bergen te
+voorschijn komend, een groot vuur schijnt te ontsteken. Het belooft een
+prachtige dag te worden, en vroolijk gestemd, zoeken we onze paarden
+op, die ons wachten met dezelfde agoyaten van den vorigen dag, om
+ons aan de golf van Kyparissia te brengen naar het kleine station
+Boezi, waar de spoorweg van Pyrgos langs gaat. Het vriendelijke
+dorp Andritsena, van waar men een uitzicht heeft naar het Noorden
+tot de toppen van den Olonos, half wegschuilend in den morgennevel,
+verdwijnt weldra in zijn bed van groen.
+
+Dan volgt er eerst een aangename rit over zacht en bebloemd gras, waar
+gele margarieten licht zich wiegelen op den wind en nog vochtig zijn
+van den nachtelijken dauw; er staan primula's naast anemonen en roode
+papavers, terwijl verderop lange reeksen eglantieren hun wortels baden
+in de heldere bedding der beken. Maar spoedig gaat het pad stijgen;
+we rijden door een boschrijke streek, en dan komen weldra steenen
+met magere struiken en de uitloopers van kale gebergten. Gedurende
+meer dan drie uren beklimmen we aldus zonder ophouden steile toppen,
+waar de weg over loopt, om dadelijk aan de andere zijde weer te dalen.
+
+De agoyaten, springend van steen op steen, glijden telkens uit,
+terwijl de wortels en takken hun tegen de beenen slaan; maar ze zijn
+te opgewekt, dan dat het hen zou verhinderen, luide te zingen. Soms
+laat een van hen een keelklank hooren, waarop het voorste paard
+zijn gang versnelt en dan weer kalm gaat draven; de anderen volgen
+en daar gaan onze mannen aan den haal onder het lachend geroep van:
+"Aïdé, aïdé!" om hun beesten nog maar meer aan te zetten. Maar we
+vragen al gauw om genade, want het is niet mogelijk, zoo'n proef lang
+te doorstaan op zulke wegen. De groote kinderen, die zich te onzen
+koste hebben vermaakt, gaan dan kalm hun gezang weer voortzetten.
+
+Tegen elf uur vertoont zich het eenige dorp, dat we den geheelen dag
+te zien zullen krijgen; na een korte rust in de schaduw van de huizen
+beginnen we de helling van den pas te bestijgen, aan welks andere
+zijde zich het dal van de Neda bevindt. Het is moeilijk stijgen in
+den onverbiddelijken zonneschijn; maar het schouwspel, dat ons boven
+wachtte, beloonde wel voor de inspanning. Door reusachtige bosschen,
+die in zachte helling een groen tapijt spreiden tot beneden aan de
+zee, kronkelt zich de rivier sierlijk over de gele steenen. We hebben
+nu het aangename vooruitzicht, onder de groote boomen te rijden,
+verkwikt door de nabijheid van het koele water. Maar eerst moeten de
+paarden rusten, en wij maken van de halte gebruik, om te ontbijten
+niet ver van een bron, waar vrouwen haar armoedige linnen wasschen.
+
+Dadelijk daarna de prettige rit onder de boomen in de heerlijke
+schaduw, die aan de boschjes van Frankrijk doet denken. Beneden in het
+dal aangekomen, volgen we aanvankelijk den rechtschen oever van den
+stroom, om daarna te waden naar den linkeroever. Vijfmaal achtereen
+moet diezelfde overtocht worden volbracht; onze agoyaten hebben hun
+schoenen uitgetrokken en loopen door het water, en als dat laatste tot
+hun knieën stijgt, springen ze vlug op de schouders van hun voorganger,
+om niet nog dieper te zinken.
+
+Op dit oogenblik gebeurt er iets komieks. Panayotti, die zich wijselijk
+langs den geheelen weg in de achterhoede van de karavaan had gehouden,
+op het muildier, dat het proviand droeg, wil een bewijs geven van
+zijn onafhankelijkheid en op eigen wieken drijven. Maar het bekomt
+hem slecht. Toen hij zich juist midden in de rivier bevindt, gaat
+het zadel, waarop hij is gezeten, verschuiven, en in een oogenblik
+is onze tolk te water geraakt, broederlijk vereenigd met de mand
+met eieren, de blikjes en de waterflesschen. De drenkeling, die zelf
+zijn redding bewerkstelligt, komt geheel doorweekt weer aan den wal
+en houdt triomfantelijk alle proviand omhoog. Hij wordt omringd en
+met vragen bestormd, en toen we de opmerking maakten, dat dit niet
+precies de juiste behandeling is voor de rheumatiek, waaraan hij lijdt,
+haalt hij grappig de schouders op en wijst naar de zon, die inderdaad
+zich haast, al het vocht van het onvrijwillige bad op te zuigen.
+
+Een half uur later zijn we te Boezi, waar de beschaving, die wij uit
+het gezicht hadden verloren sinds drie dagen, zich aan ons voordoet
+in de gedaante van de rails van den spoorweg. En onder het wachten
+op den trein, liggend onder de olijven, beginnen wij de bekoring
+van dit vrije leven recht te waardeeren, wetend, dat we het zullen
+betreuren. De scherpe fluit van een moderne locomotief stoort ons in
+onze droomerijen.
+
+Van Boezi naar Pyrgos heeft men maar drie uren te sporen. Door de
+raampjes van ons compartiment, waarvan de schokken al heel onbeduidend
+schijnen na de ritten van Andritsena en Bassae, begroeten wij voor de
+laatste maal het lachende en grootsche dal der Neda, dat de spoorweg
+passeert over een brug, om daarna langs het lage, vlakke strand te
+midden van rijke wijngaarden te belanden aan het zuidelijk uiteinde
+van het meer van Kaïapha, enkel van de zee gescheiden door een smalle
+strook lands en waar de visch, naar het schijnt, overvloedig is.
+
+De trein gaat langs den oever, waar de netten hangen te drogen,
+houdt een oogenblik op te Kaïapha, waar zwavelbaden met die van
+Loetrako bij Korinthe en die van Aedipso op Euboea dingen om de
+gunst der helleensche clientèle, overschrijdt de hoogte, waar men
+de ruïnen vindt van de versterkte vesting Samikon en komt eindelijk
+over Agoelenitza en de prachtig bebouwde velden aan de lagune bij
+het station Pyrgos, waar we tot acht uur des avonds op de aansluiting
+naar Olympia moeten wachten.
+
+Wat al dien tijd anders te doen dan door de stad te wandelen, die
+intusschen niets belangwekkends heeft? Ze lag vroeger veel dichter
+bij de zee dan tegenwoordig, maar de aanslibbing van de Alpheus heeft
+langzamerhand de kustlijn verlegd. De citroen- en moerbeiboomen en
+de olijven groeien er heerlijk in de moerassige vlakte, waar veel
+veen in den grond zit, en waar wijngaarden een der beroemdste wijnen
+uit den Peloponnesus leveren. Pyrgos, dat na Patras en Kalamata
+het belangrijkste handelscentrum is, voert over Katakolo groote
+hoeveelheden krenten uit. Al die zaken geven aan de stad een voorkomen
+van welvaart, dat aan den dag treedt in de hoofdstraat met haar vele
+winkels; het is er zoo vol, dat we nauwelijks vooruit kunnen komen.
+
+Hier zijn we weer eens het voorwerp van een onbescheiden
+nieuwsgierigheid, waar ten slotte een gendarme medelijden mee
+krijgt. Een vlugge uitdeeling van eenige muilperen links en rechts, die
+in het Oosten het meest doeltreffende argument zijn van een miskende
+overheid, maakt weldra onzen weg vrij, en we kunnen onze wandeling
+voortzetten, voorafgegaan door onzen redder, die de gewone belooning
+voorziende, niet van ons af is te slaan. Na met hem het verre panorama
+te hebben bewonderd van het eiland Zante, dat in een rooden nevel
+zich baadt in het licht der ondergaande zon, en na ons natuurlijk te
+hebben opgehouden in een der café's van de stad, om er raki, olijven
+en turksche koffie te gebruiken, bereiken we het station weer, waar
+al spoedig de trein voor Olympia, komend van Patras, binnenkomt.
+
+En nu volgt een kort nachtelijk reisje van nauwelijks een uur door
+een licht golvend, door de maan beschenen land. Eindelijk houdt de
+trein aan een klein station stil, dat geheel donker is en waar de
+dienstmannen en hôtelbedienden spoedig zich van onze bagage hebben
+meester gemaakt. Eenige oogenblikken later sluit zich de deur van
+het Groote Spoorweghôtel achter ons. Het is oogverblindend, mollige
+tapijten liggen in de corridors en op de trappen; de kamers zijn zeer
+zindelijk, en er is overvloedig electrisch licht. Men mag aannemen,
+dat de waakzame oplettendheid van onze Touring Club hier aan het werk
+is geweest, en dat het land bijna dagelijks wordt bezocht door rijke
+vreemdelingen, die men op alle manieren het naar den zin moet maken,
+opdat diegenen, die worden aangetrokken door den roep van Olympia,
+ook den lof kunnen zingen van de hôtels aldaar.
+
+Welk een verschil met de onmogelijke verblijven, waar we de laatste
+nachten hebben doorgebracht! Wat een weelde, hoeveel comfort, maar
+ook welk een ontzettende banaliteit! We verbazen ons over alles,
+over de duizenderlei kleinigheden, die zoo onontbeerlijk lijken
+in het dagelijksche leven, en waar wij het toch drie dagen lang
+wonderwel buiten hebben kunnen stellen. Maar onze met stof bedekte
+kleeren, onze gezichten, die geen water hebben gevoeld en niet met
+het scheermes in aanraking zijn geweest, zouden ons doen gelijken
+op een troep boeren van de Donau, plotseling in de tegenwoordigheid
+gebracht van de ongekende wonderen der moderne beschaving. Dit alles
+is zonder twijfel aangenaam, maar ik blijf er niettemin bij, dat een
+reis in Griekenland, om iemand waarlijk kunstindrukken te geven, meer
+onverwachts moest meebrengen. Onze hedendaagsche gewoonten vloeken,
+om zoo te zeggen, met de hier grijpbare overblijfselen uit de oudheid;
+ze passen wel slecht bij de nog primitieve zeden der tegenwoordige
+Hellenen en bij de te weinig bekende pracht van het landschap.
+
+In ons tegenwoordig Europa, dat gebanaliseerd is door de spoorwegen, de
+reisagentschappen en de prentbriefkaarten, is Griekenland nog een der
+te weinig talrijke landen, waar de toerist een mooie onafhankelijkheid
+kan genieten en de vreugde mag voelen of ten minste de illusie mag
+koesteren, dat hij moedig weinig betreden paden heeft gekozen. Laat
+ons hem zoo lang mogelijk vrij laten en hem in de gelegenheid stellen,
+zijn onderzoek voort te zetten; laat ons niet al te veel haast maken
+met het moderniseeren van het land en laat ons doordrongen zijn van
+het besef, dat comfort de vijand is van het schilderachtige en dat,
+om dat laatste te vinden, we het eerste moeten kunnen opofferen.
+
+De heer Benner, met wien ik mijn kamer deel, is te veel kunstenaar,
+om het niet met mij eens te zijn, en wij zouden nog lang over dit
+onderwerp hebben doorgepraat, als de groote vermoeienis van den dag
+ons niet had bewogen, om eindelijk het welbehagen te genieten van
+de aanlokkelijke bedden met de spierwitte lakens. Toegevend, dat de
+beschaving toch ook wel iets goeds heeft, slapen we in, in slaap
+gewiegd door het gekwaak van duizenden kikkers in het stilstaande
+water der moerassen.
+
+Niemand gaat tegenwoordig naar Griekenland, zonder een bezoek te
+brengen aan Delphi en Olympia, die beide archeologische middelpunten,
+waar alles is opgegraven door de fransche en duitsche scholen,
+waardoor de leeken zich een denkbeeld kunnen vormen van de pracht
+der Oudheid. Het laatste was minder een stad dan wel een groot
+heiligdom, waar altaren waren voor de meeste goden en waar prachtige
+periodieke feesten werden gegeven, bekend onder den naam van Olympische
+spelen. Er was alle macht van het Christendom noodig, om eindelijk
+aan dien eeuwenouden eeredienst een einde te maken. De tempels vielen
+langzamerhand in puin, de olijvenbosschen, die hun schaduw wierpen
+over de altaren, werden de prooi der vlammen, de barbaren kwamen en
+de aardbevingen voltooiden het werk der menschen. Ze overdekten met
+een dikke laag aarde de oude schatten, die thans weer aan het licht
+zijn gebracht.
+
+Daarom is er niet veel over van al die pracht; de monumenten zijn
+gesloopt; sommige gaan nog schuil in het hooge gras, andere laten niet
+anders zien dan de treurige massa van hun fondamenten. En een gevoel
+van onzegbare droefenis, gelijk aan dat, wat men ondervindt bij het
+bezoek aan een doodenstad, komt over ons, als we door de poort der
+processies binnenkomen in de reusachtige, gewijde ruimte of de Altis,
+waar zich alle tempels bevonden. Dat ruime vierkant, aangelegd tegen
+de groene helling van den berg Kronos, gelijkt veel meer op de werf
+van een steenhouwer dan op een archeologische reconstructie, en men
+is eigenlijk verbaasd, er niet de slagen te hooren van hamers of het
+geknars van zagen.
+
+Noch het Heraion, de oudste, zegt men, van de bekende dorische tempels,
+noch die van Herodes Atticus, een der romeinsche maecenassen van
+Griekenland, die met groote kosten naar het terrein der offeranden
+het water liet voeren, dat er ontbrak, noch het Terras der schatten,
+waar een reeks kleine kapelletjes stond, die met de offeranden van de
+steden ook de trofeeën bevatten, door die steden in de gymnastische
+spelen behaald, noch het Stadion, noch zelfs de reuzentempel van
+Zeus, waarvan niets over is dan de onderlaag van grijs tufgesteente,
+kunnen den somberen indruk uitwisschen, op ons teweeggebracht door
+den aanblik van de onherstelbare ruïne.
+
+Toch krijgt men van daar een overzicht van het geheele terrein der
+ruïnen, vanaf het Metroon of den tempel van de moeder der goden,
+tot het Paleis van den Olympischen Senaat, van het Hippodroom en het
+huis van Nero, dat hij zich had laten bouwen, om de spelen te kunnen
+bijwonen, tot het reusachtige Leonidaeon dat, met het Prytanaeum, de
+beroemdste bezoekers ontving. Maar dat alles is thans niet anders dan
+een opeenhooping van voetstukken, die daar eenzaam en verlaten staan
+of van afgebroken zuilen, en men moet, als men niet in zijn diepste
+wezen archaeoloog is, zulk een groote dosis verbeeldingskracht hebben
+en zulk een goeden platten grond, om zich thuis te voelen te midden
+van de vormlooze overblijfselen, die vaak ver van hun primitieve
+standplaats zijn getransporteerd, dat we verlangen naar het zien van
+meer wezenlijke dingen.
+
+Door resten van vestingen en byzantijnsche kerken naast romeinsche
+fondamenten en helleensch beeldhouwwerk bereiken wij den heuvel Droeva,
+waar een rijk bankier uit Athene, de heer Syngros, op zijn kosten
+het Museum heeft laten oprichten, dat thans den prachtigen Hermes
+van Praxiteles herbergt, die bijna ongeschonden werd teruggevonden
+in het Heraion onder een dikke laag leem, naast de uitgezocht schoone
+figuur der Gevleugelde Overwinning, in sierlijk stoute beweging haar
+voetstuk verlatend. Het Hermesbeeld is gehouwen uit een schitterend
+wit blok marmer; het schijnt mij het zuiverst ideaal van mannelijke
+schoonheid te verwezenlijken, zooals het majesteitelijke hoofd zich
+buigt in teederheid tot Dionysos, dien hij in zijn armen draagt, en
+we gevoelen tegenover dit magistrale werk een zoo heftige ontroering,
+dat we op eenmaal de teleurstelling vergeten, die over ons kwam op
+het terrein van de opgravingen.
+
+De namiddag wordt besteed aan den tocht naar Patras met den spoorweg;
+de warmte was eerst zoo hevig, dat we geen woord uitbrachten en in
+stilte leden op de banken van de coupé; het landschap vlamt onder den
+brand der zon, en arbeiders, naar den grond gebogen, met een doek om
+het hoofd, waarvan ze de slippen tusschen de tanden vasthouden, komen
+een oogenblik overeind, om ons te zien voorbijgaan. De locomotief
+schijnt doordrongen van haar belangrijkheid; ze fluit geestdriftig,
+alsof ze op haar persoon de bewonderende aandacht wilde vestigen. Als
+al dat lawaai onzen gang maar bespoedigde! Maar daar moet men niet
+op hopen, en het is hier recht duidelijk veel lawaai en weinig wol.
+
+En zwaar en eentonig gaan de uren voorbij; nauwlettend staat de
+trein bij alle kleine stations stil, die vaak niet anders zijn dan
+loodsen met een tafel op het perron, die als buffet dienst doet en
+waar harde eieren, kaas en wijn zijn te krijgen, alles zwart van
+vliegen en een geur verspreidend, die ver van lekker is. Eenige
+fustanella's stappen in en uit; menschen, die niets te doen hebben
+leunen tegen de hekken met halfnaakte, koperkleurige straatjongens;
+er wordt gelachen, gepraat, en we staan soms zoo lang stil, dat ik
+den tijd heb, prachtige margarieten te plukken, waarvan de heerlijke
+frischheid ons een poosje verkwikt.
+
+Overigens komen, we nader bij de zee, waarvan ons juist als bij
+Pyrgos reeksen van plassen scheiden; dit zijn de uitgestrekte
+bezittingen van Manaloda, gedeeltelijk nog onbebouwd, toebehoorend
+aan den troonopvolger. Rechts sluit de majestueuze Erymanthos, waar
+de spoorweg omheen loopt, den horizon af met zijn rotsblokken, zijn
+diepe kloven en donkere bosschen; de zon daalt langzaam naar de zee
+en gaat er in rusten, als wij eindelijk aankomen, na door beddingen
+van rivieren te zijn gegaan, bij het station Kato-Achaia, op den
+zuidelijken oever van de golf van Patras, die we nu verder volgen.
+
+Het ondergaan van de zon heeft inderdaad in het Oosten iets
+indrukwekkenders dan elders. Hier, waar de zee zich klein schijnt
+te willen maken, om beter te kunnen doordringen in den chaos van
+grootsche bergen, die haar omsluiten, is de tegenstelling van tinten,
+de verschillende kleur der onderdeelen van het landschap werkelijk
+verrassend. De reeds donkere massa van kaap Kalogria doet zich aan
+ons voor en dekt de vlakte met haar schaduw; de geheel zwarte voet
+van den Erymanthos wordt langzamerhand lichter naarmate we naderen; de
+hoogten van Missolonghi, violet in hun middengedeelte, behouden op hun
+toppen een zachtrose tint, die zich weerspiegelt in de gouden streep
+over de golf. Alleen de ongeloofelijke helderheid en doorschijnendheid
+van de grieksche atmosfeer kan de ontplooiing van zooveel pracht tot
+stand brengen. Wij worden niet moede, die te bewonderen, tot eindelijk
+de aankomst in de voorsteden van Patras te midden van de omgewoelde
+graven ons opwekt uit de droomen van onze stille beschouwing.
+
+De gezant, die graag spoedig weer in Athene terug wil zijn, beslist
+den volgenden morgen te willen vertrekken; maar hij geeft mij verlof,
+er mijn verblijf te verlengen en machtigt mij zelfs, de interessante
+punten te bezoeken van de noordkust van den Peloponnesus. Vroeg in
+den morgen begeef ik mij dus naar het station, dat aan de haven is
+gebouwd tegenover het hôtel waar wij den nacht hebben doorgebracht,
+om bij het vertrek van mijn reisgezellen tegenwoordig te zijn.
+
+De lezer moet zich vooral niet voorstellen, dat Patras, de derde stad
+van Griekenland, de eerste van den Peloponnesus, omdat ze tegenwoordig
+50.000 inwoners telt, een van die mooie stationsgebouwen bezit,
+zooals we in duitsche steden gewend zijn. O neen, zeker niet; het
+meest bescheiden station van onze fransche spoorwegen is mooier en
+vooral zindelijker dan de ellendige houten loods, ingesloten tusschen
+de naburige huizen, waar reizigers en goederen opgestapeld worden in
+de grootste wanorde.
+
+Een of twee wegen komen op den spoorweg uit, en de trein wacht geduldig
+te midden van een nieuwsgierige menigte, tot eindelijk het sein wordt
+gegeven voor het verder gaan. Het scheelt niet veel, of men zou zich
+wanen op een dier lijnen in Afrika, waar enkel een eenvoudige paal de
+halte aangeeft! En toch is dit de plaats, waar de meeste reizigers
+uit Europa aankomen met bestemming naar Griekenland; ik vraag mij
+af, hoe groot wel de verbazing moet wezen van de rijke toeristen bij
+den aanblik van zoo'n tooneel en welk een onaangenamen indruk ze wel
+moeten krijgen bij hun eerste aanraking met de gemeenschapsmiddelen
+van dit land.
+
+Patras, megalomaan als alle andere steden, trotsch op zijn
+belangrijkheid, schaamt zich over dezen staat van zaken; er is al
+lang sprake van, aan de stad eindelijk een station te schenken, dat
+beter aan de wassende behoeften voldoet; maar hier stuit men weer
+als altijd op die vervelende geldquaestie, die de mooiste plannen
+in den dop verstikt. Laat ons intusschen hopen, dat dit plan wordt
+verwezenlijkt, en dat een rijk inwoner van Patras door een edelmoedige
+schenking aan die dagelijksche vernedering een eind make, die telkens
+samenvalt met het vertrek van den exprestrein naar Athene.
+
+Toen ik kort daarna alleen was gelaten, ging ik de moderne hoofdstad
+van Achaja bekijken, die het tooneel is geweest van de ontscheping der
+Franken onder Villehardouin en Champlitte en die ook het eerst werd
+veroverd; ze is in het begin der vorige eeuw verwoest geworden,
+maar heeft zich snel weer opgericht en werd herbouwd naar een
+reusachtig plan. Daardoor lijkt ze nu nog bijna een doode stad
+ondanks den vluggen aanwas der bevolking. De straten, die met
+een liniaal getrokken schijnen, snijden elkaar alle rechthoekig
+naar het voorbeeld der amerikaansche steden; er loopen breede,
+marmeren trottoirs langs en er staan huizen met arcaden; groote,
+eenzame pleinen, overschaduwd door peperboomen, verbreken van tijd
+tot tijd de kunstmatige eentonigheid van die eeuwige rechte lijnen,
+evenwijdig met of loodrecht staande op de kust.
+
+Ik volg een der in laatstgenoemde richting loopende, de
+Sint-Nicolaasstraat, die in een zachte helling stijgt naar het
+venetiaansche kasteel, van waar men een prachtig uitzicht heeft over
+de groote wijngaarden, die een rijkdom zijn van het land, over de
+golf van Lepanto, de kust van Aetolië en de Jonische eilanden. Er
+is trouwens niets bijzonder merkwaardigs in dien hoop van muren,
+waarvan het best bewaard gebleven gedeelte tegenwoordig als kazerne
+wordt gebruikt. Ik daal weer naar beneden door de straatjes van de
+hooge stad, waar ezeltjes, doorbuigend onder het te zware gewicht van
+manden, die hun tegen de zijden hangen, voortgedreven worden door
+kooplieden met groenten en vruchten. "Aurea kortaria, portokalia,
+hier zijn mooie groenten, oranjes!" roepen ze in de openstaande
+deuren der huizen, waar, voor hen maar al te dikwijls, slechts het
+geblaf van een hond hun antwoord geeft. Iets lager verdwijnen twee
+ongelukkige ezels onder den zwaren wirwar van takkebossen, die ze
+in den vroegen morgen al hebben gehaald; er zijn er zooveel op hun
+armen rug gestapeld, dat alleen de kop en de uiteinden der pooten te
+voorschijn komen uit het struikgewas, dat breeder is dan de rijtuigen,
+die moeten worden gepasseerd, een zonderlinge vertooning, enkele
+schreden verder verdwijnend in het dichte stof van den weg.
+
+Het slaat op de douaneklok twaalf uur, als ik na de H. Andreaskerk te
+hebben bezocht en haar wonderdadige bron, eindelijk aan de haven kom,
+die beslist de eenige plek in de stad is, waar eenige levendigheid
+heerscht. Pas ben ik gezeten op het terras van een café, tevens
+restauratie van het hotel, of een heirleger van schoenpoetsers wil
+met alle geweld mijn schoenen ontdoen van het stof, dat erop ligt. Ik
+onderwerp mij, om er een eind aan te maken, en zet den voet op een
+der kistjes, dat zonder omslag vóór mij wordt neergezet; maar er zijn
+nog geen vijf minuten verloopen sedert het einde der operatie, die
+inderdaad heel handig werd verricht, of andere loestroi, niet minder
+ondernemend, verbeelden zich, dat de bewerking wel weer van voren af
+aan kan beginnen. En gedurende al den tijd van mijn ontbijt houden
+diezelfde aanbiedingen aan, die even lastig als overbodig waren en
+waaraan eerst de komst van onzen consul een einde maakte. Ik ga in
+haast opstaan, en we gaan naar een ontginning van wijnbergen in de
+buurt, waarvan ik te veel goeds heb hooren zeggen, dan dat ik niet
+zou wenschen de exploitatie eens in oogenschouw te nemen.
+
+Die onderneming is op het getouw gezet door Duitschers ten tijde van
+de groote crisis in den wijnbouw door het optreden der phylloxera,
+toen de aandacht der verbruikers werd gevestigd op de grieksche
+wijngaarden. De wijn wordt er bereid naar europeesche voorschriften,
+dus zonder toevoeging van hars natuurlijk. De uitvoer is dan ook
+een voordeel geweest in de eerste jaren; al is hij langzamerhand
+afgenomen, toen de wijngaarden, die van de plaag geleden hadden, weer
+op hun verhaal kwamen, toch heeft de plaatselijke consumptie zich
+gehandhaafd en is ook de verkoop in het Oosten zoo groot gebleven,
+dat er winst wordt behaald met de wijnen uit den Peloponnesus, die
+hier goed behandeld worden en die rijk zijn aan alcohol, als alle
+wijnen uit het Zuiden. Ik doorloop de kelders, die mij op kleiner
+schaal herinneren aan die van onze groote huizen te Bordeaux en in
+Champagne; ik passeer de enorme fusten, Bismarck en Moltke gedoopt,
+die de reserven van goede jaren bevatten, en ik luister met levendige
+belangstelling naar de technische bijzonderheden, die mij een helder
+inzicht geven in de goede economische vooruitzichten van dit land.
+
+Trouwens alles in Patras schijnt dat te beloven, en de geographische
+ligging der stad op de plaats, waar de vlakten uitmonden,
+die de vruchtbaarste deelen van den Peloponnesus zijn, zoowel
+als de aanzienlijke handelsbeweging in de haven, waar de meeste
+groote scheepvaartlijnen der Middellandsche Zee binnenkomen,
+wijzen erop. Ongelukkig ontmoet men hier, evenals in alle havens
+van het Oosten, een niet zeer prettig gezelschap. Op het tijdstip
+van mijn eerste jaren in Griekenland hadden wij nog niet met dit
+land het uitleveringstractaat gesloten, en Patras was de ingang
+van het beloofde land, waar bandieten als madame Humbert en haar
+beroemde bende, zeker waren van een veilige schuilplaats. Zoo waren
+de binnenlandsche rooverijen, die zoo goed als geheel onderdrukt
+waren door de gelukkige pogingen der regeering, vervangen door die van
+misdadige vreemdelingen, zonder bezwaar binnengelaten in de haven. Men
+zag er ontrouwe boekhouders aankomen, bezitters van groote geldsommen,
+die ze kalmweg verteerden onder de oogen van den consul, die er niets
+aan doen kon, en in gezelschap van een troep gewetenlooze menschen.
+
+Ik herinner mij, dat een van die belangwekkende personnages op een
+dag bijna geheel geplunderd werd door den advocaat, aan wien hij
+zijn geldelijke belangen had opgedragen; maar heel natuurlijk wendde
+hij zich niet tot onze legatie,--want het was een Franschman,--om te
+trachten weer in het bezit te worden gesteld van het geld, dat hij
+zelf had gestolen! Hoe kan men zich trouwens verbazen over de bijna
+volkomen straffeloosheid, waarvan die schurken profiteerden, als de
+politie-autoriteiten zelven het voorbeeld gaven? Een zekere prefect
+van politie uit Athene, die eens tot eenige maanden gevangenisstraf
+was veroordeeld, die hij ook ongestoord uitzat, kan gerust beschouwd
+worden als een oorzaak, dat eenvoudige burgers, om zoo te zeggen,
+verontschuldigd worden, als ze de gewetensbezwaren over boord werpen,
+die hen zouden kunnen terughouden van een oneerlijke zaak, waaruit
+ze echter groote voordelen hoopten te trekken.
+
+Hoe het zij, zulke schandalen behooren nu bijna geheel tot het
+verleden; Griekenland heeft begrepen, dat het zijn goeden naam in de
+waagschaal stelde, en nieuwe uitleveringstractaten hebben in de laatste
+jaren het recht doen zegevieren. Maar de bevolking der havens is
+daardoor nog niet veel verbeterd; die levert nog aan de onruststokers,
+en aan de politieke personen, die tegenstanders van de regeering
+zijn, de troepen, die ze noodig hebben. Zij, die zich ontschepen in
+den Piraeus, in Patras of in Syra, kennen die volksbetoogingen, die
+van tijd tot tijd in die plaatsen tot bloedige tooneelen aanleiding
+geven, en wat ik ervan zie dezen avond, is waarlijk niet geschikt,
+mij vertrouwen in te boezemen.
+
+Zoo blijf ik den geheelen avond het gewoel aan de haven gadeslaan,
+waar krachtige vuurtorens beginnen te stralen, en waar van tijd tot
+tijd zich de stoomfluit laat hooren van de eene of andere vertrekkende
+paketboot. Terwijl de mooie electrische trams heen en weer rijden,
+de moderne opvolgers van de oude rijtuigen, getrokken door drie magere
+paarden en in de nieuwere, in de laatste halve eeuw met veel woorden
+verrijkte taal hipposiderodromoi genoemd, wandelen de elegante dames
+van Patras, zeer aardig gekleed, op de esplanade en laten vriendelijk
+haar persoontjes bewonderen en de sierlijkheid van haar toilet. Al
+hebben ze niet allen de plastische schoonheid van de antieken, die
+enkele van haar voorouders voor altijd beroemd hebben gemaakt, toch
+moet erkend, dat ze over het algemeen zeer gracieus zijn en dikwijls
+ook mooi, met haar mat teint, het aangename ovaal van haar gezichten
+en de groote zwarte oogen, die ze stoutmoedig op de mannen vestigen.
+
+Daar ze nog al coquet zijn, volgen ze onze modes vooral in de
+uitersten, want de grieksche vrouw is een aardig poppetje, die er
+niet tegen opziet, aan haar toilet het grootste deel harer uitgaven
+te besteden en ook niet, om 's avonds niets anders te nuttigen dan
+olijven en een bescheiden ragoutje. Zij legt op die manier en op hare
+wijze haar voorkeur aan den dag voor het leven naar buiten, dat in de
+hoofdsteden zoo duidelijk aan den dag treedt, vooral in de minder heete
+avonduren, als de heele bevolking wandelt op de fashionabele promenade.
+
+Een stralende morgenzon verlicht met haar stralen de reeds drukke
+haven, als ik den volgenden dag Patras verlaat met den eersten trein
+van dien dag. Daar verschijnt, nadat we de moerassige streken zijn
+doorgereden, waar de berg Voïda zich verheft, de ingang van de baai,
+voorbij welke de golf van Korinthe begint, en die ingesloten wordt
+tusschen de beide kapen met aan elken kant de versterkte vestingen,
+de oude kasteelen van Roemelië en Morea, thans in puin liggend. De
+doorvaart, waarvan de breedte in den loop der eeuwen heeft afgewisseld,
+is smaller geworden door een zandig strand, dat zich zeer ver uitstrekt
+en dat de golf tot een lange binnenzee dreigt te maken. De weg gaat
+dicht langs de kust en moet elk oogenblik over stroompjes gaan, die
+nog niet geheel droog zijn in dezen tijd van het jaar, en op welker
+oevers wijn wordt verbouwd. Nog een kaap, en op een hoogvlakte, met
+cactussen begroeid, die steil naar zee afdaalt, ligt de oude stad
+Aegion, waar ik mij voorstel de rest van den morgen door te brengen.
+
+De handel in krenten van uitstekende hoedanigheid heeft van de
+plaats een der belangrijkste steden van den Peloponnesus gemaakt;
+magazijnen en entrepots, ingericht in natuurlijke grotten aan den
+voet der rotsen, liggen dicht bij den spoorweg en de haven, daarvan
+alleen door een smal strand gescheiden. Ofschoon niet heel druk in
+dezen tijd van het jaar, klinken er hamerslagen en wordt er gewerkt
+aan het maken van duizenden kleine kisten, bestemd, om den oogst van
+het jaar te ontvangen. Ik wensch van harte voor die brave lieden,
+dat ze er binnen enkele maanden vele zullen kunnen vullen. Door een
+lange straat als een trap, herinnerend aan die van Montmartre, bereik
+ik de hooger gelegen wijken en bewonder voor de zooveelste maal het
+prachtige panorama van de bergen van Phocis, die in de zuivere lucht
+schijnen te trillen, aan de overzij van de blauwe golf; de baaien
+worden rond als sierlijke schelpen, steile kapen vallen in zee, en het
+majestueuze hoofd van den Parnassus, dat boven alle andere uitsteekt,
+weerkaatst zich in de baai van Salona, door roode rotsen omzoomd.
+
+Hier is er weer feestvreugde onder de bewoners, want ik kom talrijke
+groepen tegen in feestgewaad; het schijnt, dat de verjaring wordt
+gevierd van den een of anderen plaatselijken heilige, aan wien men
+echter veel minder schijnt te denken dan aan de traditioneele trata,
+de vreugde van schieten en zingen. Maar ik heb geen tijd meer,
+om naar het station af te dalen, waar de tweede en laatste trein
+naar Korinthe wel spoedig zal passeeren. Al gauw gaat hij voorbij
+en ik herken het lawaai van de passage over een ijzeren brug, waar
+een riviertje, dat van den Erymanthos is neergedaald, onder door
+stroomt. De berg sluit het dal af. Een half uur later zal de trein
+aan het station Diakoptho zijn tegenover de diepe kloof, waarin het
+beroemde klooster van Megaspileon is gelegen.
+
+Dit is het laatste uitstapje van mijn reis, en ik moet kiezen, als ik
+vóór den nacht ter plaatse wil zijn, of ik de epileptische sprongen
+wil genieten van een tandradspoortje of de hortende schokken van een
+ezel. Als ik de stooten met elkander vergelijk, geef ik nog de voorkeur
+aan de laatste, die onder andere voordeelen ook dit hebben, dat zij
+mij een rijdier bezorgen, waarmee ik morgen naar Diakoptho kan gaan,
+zonder dat ik in het klooster zal moeten wachten op den eenigen trein
+van den dag. Ik dring dus zonder verder dralen in de woeste kloof,
+die slechts eenige schreden van de zee verwijderd is. Eerst vind ik
+er mooie olijfboschjes, dan rijst de weg onder eiken in een warreling
+van myrten en andere planten van doordringenden geur. De schuimende
+golven van de Erasinos breken op de enorme steenen, die ten gevolge
+van den een of anderen schok losgeraakt zijn van den hemelhoogen
+wand van rotsen, die over den stroom hangt. Het in de rots gehouwen
+voetpad stijgt nu eens ver boven de bedding van de rivier, welker
+geruisch nog slechts heel uit de verte en verzwakt ons oor bereikt,
+en daalt dan weer plotseling tot vlak bij het water.
+
+Het profiel van een oude vrouw, die kastanjes inzamelt onder de boomen,
+komt tusschen de steenen te voorschijn, en de reeds dalende zon bereikt
+al niet meer de diepte der kloof.... "Grigora, gauw, gauw!" herhaalt
+onophoudelijk de agoyate, die zooveel haast schijnt te hebben, dat
+wij ons zelfs niet ophouden in het dorp Zakhloroe. Nog een zware
+stijging, en eensklaps verschijnt tusschen de zwarte lijnen, die den
+berg Cyllenus bedekken, verrassend het groote klooster, terwijl de
+klok in de verlaten eenzaamheid zich laat hooren.
+
+Hoewel het reeds laat is, kan ik nog goed de zonderlinge groepeering
+onderscheiden van de vele gebouwen, omgeven door een muur van meer
+dan honderd meter. De gevel van het hoofdgebouw van metselwerk en
+hout opgetrokken, vertoont vijf verdiepingen van vensters. Overal
+zijn er houten galerijen aangebracht en wankele balkons, die in de
+lucht schijnen te zweven, onregelmatige, blauwgekleurde, en vermolmde
+koepels, of wel witte en roode, die als zwaluwnesten tegen den wand
+aankleven. De aanblik is niet mooi, want het geheel is vervallen en
+vuil van dit klooster, door de byzantijnsche keizers in de achtste eeuw
+gesticht, en het maakt een vreemden indruk in het laatste licht van
+den dag, nog te kijken door de dennen, die den berg kronen. Met beide
+handen vóór den mond, richt de agoyate tot de monniken een plechtig
+geroep; ik hoor het geluid van een venster, dat geopend wordt; een
+stem is eenige oogenblikken aan het onderhandelen, zonder dat ik in
+het minst kan vermoeden, waar ze vandaan komt; maar ik begin er toch
+uit te begrijpen, dat ik welkom ben en dat ik uitgenoodigd word, om
+binnen te komen en de buitentrap op te gaan. Dat is de hoofdzaak;
+maar het vooruitzicht, hier te logeeren, lacht mij niet toe. Eén
+voor één beklim ik nu de wankele treden, die meer of minder stevig
+aan den rotswand zijn bevestigd en uitkomen bij een groote poort,
+van schietgaten voorzien. Er worden grendels weggetrokken, kettingen
+vallen neer en de deur draait eindelijk op haar verroeste hengsels.
+
+Het schijnt, dat oudtijds de reizigers genoodzaakt werden, hun wapens
+in handen van den portier te laten, eer ze een pas binnen in het
+klooster mochten zetten; die voorzichtigheid werd verklaard door
+het feit, dat het klooster alleen door list kon worden vermeesterd,
+en de geslachten van monniken, die elkaar opvolgen, hebben elkander
+vroom dat consigne overgeleverd, tot nog voor zeer korten tijd, die
+samenvalt met het verdwijnen van het rooverswezen. Maar tegenwoordig
+komt een vriendelijk "Kalos crisete" uit een gastvrijen mond van
+een geestelijke met een vilten muts, een kaars in de hand, die mij
+dadelijk door een doolhof van cellen, trappen en galerijen, die in de
+diepte der rots zijn gebouwd, naar een vijfde verdieping geleidt in
+een groote, leege eerezaal, naar het schijnt de salon van den bisschop.
+
+Deze verschijnt weldra; zijn sympathiek gezicht van schoonen grijsaard,
+omlijst door een langen, witten baard, glimlacht, terwijl hij mij
+hartelijk begroet. Wij praten nu eens in het Grieksch, dan in het
+Fransch, dat mijn gastheer vroeger een weinig heeft bestudeerd. Hij
+betreurt het, dat zijn klooster zoo vervallen is, en dat de bevolking
+onophoudelijk vermindert, zoo erg, dat de meesten der cellen thans
+onbezet zijn. Beroofd van zijn beste inkomsten door de jongste wetten,
+van zijn gezag beroofd door de verslapping van de tucht en door de
+domheid van zijn monniken, zal het klooster van den Megaspileon,
+eertijds het rijkste en voorspoedigste van Griekenland, in puin
+vallen, en zijn totale verdwijning is misschien, zoo zei mij treurig
+de priester, slechts een quaestie van jaren.
+
+Hetzelfde feit heeft mij getroffen, toen ik vroeger de beroemde
+kloosters van de Meteoren in Thessalië bezocht, waar de regel van den
+Heiligen Basilius, die oudtijds hun kracht uitmaakte, nauwelijks meer
+toegepast wordt in onze dagen. Daar brengen, evenals hier, de monniken
+hun dagen in ledigheid door; hun luiheid is voorbeeldeloos en het komt
+hun bijna nooit in de gedachte, zich met handenarbeid bezig te houden
+of aan werk met den geest hun tijd te wijden. De regeering heeft
+gelukkig die instellingen dan ook tot een wissen dood veroordeeld,
+omdat ze nadeel toebrengen aan de eer van het land en kweekplaatsen
+zijn van onzedelijkheid.
+
+Onder het gesprek waren enkele leden van het kapittel binnen gekomen in
+de blauw verlichte zaal; andere monniken komen achter hen aan, dragers
+van schotels, waarop de ingewanden van schapen liggen te rooken,
+gebraden op een houtvuur. Ik raak er nauwelijks aan, want die ragout,
+die een eigenaardigen geur verspreidt, is al zoo weinig aanlokkelijk
+mogelijk, en ik doe des te meer eer aan de glyco of confituren, die
+onmiddellijk voorafgaan aan de onvermijdelijke koffie. De bisschop,
+die volstrekt wilde dat ik aan den maaltijd deel zou nemen, welke
+hem daarna afzonderlijk zou worden voorgezet, dwong mij, om zonder
+groote geestdrift mij weer over te geven aan een nieuwe gastronomische
+kwelling, terwijl een eenvoudig blikje sardines en een stuk brood, die
+ik zorgvuldig had bewaard, mij vrij wat beter zouden hebben gesmaakt.
+
+Intusschen vroeg ik de kerk te mogen zien, die gewijd was evenals het
+klooster aan Maria Hemelvaart. Ik werd daar naar een nis gebracht,
+waar het wonderdoende beeld werd bewaard van de H. Maagd, dat door de
+traditie aan den H. Lucas wordt toegeschreven en welker macht ten tijde
+van den Onafhankelijkheidsoorlog de Turken deed aftrekken. Het is er
+koud als in een kelder, en de kille vochtigheid binnen in de kapel, die
+in de rots is uitgehouwen, verklaart, hoe de wanden hier en daar met
+mos zijn bedekt en hoe het houtwerk overal schimmels vertoont. Eenige
+oude mozaïeken, die geheel groen uitgeslagen zijn, vormen den vloer van
+het schip der kerk, en mijn schaduw glijdt erover bij het flikkerend
+licht der kaarsen. Wat een ellende en welk een droevig verval!
+
+Met een waarlijk gul gemoed werp ik in de bus, die daarvoor dient, de
+offerande, waar de ongelukkige monniken niet ongevoelig voor zijn, en
+langs een nog vermolmder trap dan de vorige bereiken wij, mijn gidsen
+en ik, de reusachtige kelders, die diep onder den grond liggen. Hun
+goede naam reikte vroeger zeer ver, want in den tijd van den bloei
+van het klooster werden er groote hoeveelheden bewaard van een wijn,
+die beroemd was door het geheele land. Thans liggen er nog vaten en
+fusten van enormen omvang langs de muren; maar ze bevatten slechts
+den bescheiden crassi resinato, die voldoet aan de tegenwoordige
+behoeften der gemeenschap.
+
+En wij gaan weer naar de bovenverdiepingen door cellen heen, waar vier
+of vijf monniken dommelen op hun bedden; ook laat men mij nog een
+vertrek zien, dat als een moesjarabieh gebouwd is over den stroom;
+het is de bibliotheek, waarvan de vensters op den tuin uitzien. Ik
+blader er in een paar theologische werken, die door elkander liggen
+in hun kisten met oude perkamenten, welke de ratten naar hun smaak
+moeten vinden, te oordeelen naar den beklagenswaardigen toestand
+waarin ze zich bevinden, en eindelijk zijn we in den salon van den
+bisschop terug, waar het avondeten ons wacht.
+
+Mijn gastheer heeft aan zijn tafel ook den monnik genoodigd, die mij
+door het klooster heeft begeleid, en verontschuldigingen makend over
+de bescheidenheid van het maal, verzoekt hij mij tegenover hem plaats
+te nemen.
+
+Zou ik wezenlijk aan de grieksche keuken wennen? Zeker is het, dat ik
+eer bewijs aan de tomatensoep, waar groote sneden maïsbrood in drijven,
+aan den pilau met gestremde melk en vooral aan het lamsvleesch,
+gekruid met smakelijke toekruiden. Onder den maaltijd liet ik mij
+verleiden, mijn gastheer een verhaal te doen over een ervaring, die
+ik pas had gehad. Het was de volgende. Toen ik op een avond langs een
+verschrikkelijk slechten weg mij naar het station Kalabaka begaf, waar
+ik den trein naar Volo moest nemen, bemerkte ik plotseling, dat mijn
+horloge en ketting, twee familiesouvenirs, waar ik bijzonder veel aan
+hechtte, verdwenen waren. Er aan wanhopende, ze nog terug te zullen
+krijgen en ze te vinden onder de struiken en niet veel lust hebbend,
+de agoyaten en gendarmen, die mij vergezelden, in vertrouwen te nemen,
+haastte ik mij, bij aankomst dadelijk mijn verlies aan den stationschef
+mede te deelen. Deze, agent van een half fransche maatschappij, die
+van de thessalische spoorwegen, liet een agoyate op zijn kantoor komen
+en een gendarme, wier oogen schitterden op het hooren van de beloofde
+belooning. Nauwelijks waren de noodige aanwijzingen gegeven, of ze
+gingen beiden als pijlen uit bogen heen naar den weg over de bergen,
+zonder zich te bekommeren om hun metgezellen, die verbaasd toekeken
+en die met opzet niet op de hoogte waren gebracht.
+
+En ik sloeg vol onrust den weg naar Athene in. Maar ik was nog niet
+te Volo aangekomen, of een telegram berichtte mij, dat mijn bezit
+in een holte van de rotsen was teruggevonden, waarin het zeker was
+terechtgekomen bij de huppelende sprongen van den muilezel. Den
+volgenden dag was het weer in mijn handen en ik haastte mij, mijn
+schuld af te doen. Ik had mijn blijdschap zeker in lyrische termen
+geuit, want de begiftigden, trotsch op den hun toegezwaaiden lof,
+haastten zich, mijn brief te publiceeren in een Thessalische courant
+met het uitvoerig verhaal van mijn ongeluk. Van Volo ging het nieuwtje
+naar Athene, waar de pers zich er ook van meester maakte, om de
+helleensche eerlijkheid te prijzen, die zoo onrechtvaardig wel eens
+in twijfel wordt getrokken, en ik genoot sinds dien een luiden roep
+van philhellenisme, die mij geen nadeel deed. Na de koffie wordt de
+narghilé gebracht, en toen die eindelijk was uitgegaan, was het laat
+geworden en daar ik al om vier uur in den morgen weer op weg wilde
+gaan, neem ik afscheid van mijn gastheer en laat een klein sommetje
+achter, om, zoo mogelijk, zijn klooster te helpen in stand te houden;
+daarna ga ik naar mijn kamer, versierd met geweren, degens en tapijten,
+om er te rusten, tot de agoyate aan mijn deur komt kloppen met de
+mededeeling, dat het tijd is, ons weer op weg te begeven.
+
+Dienzelfden avond kom ik in Athene terug, na nog eens weer de landengte
+van Korinthe te zijn overgegaan. Eenige maanden later verliet ik voor
+goed Griekenland en nam in mijn hart naar de nevelen van het Noorden,
+waar het lot mij heen riep, de herinnering mee aan de schoone horizons
+en het heerlijke licht van het zuidelijke land.
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's Om en door den Peloponnesus, by B. de Jandin
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK OM EN DOOR DEN PELOPONNESUS ***
+
+***** This file should be named 24448-8.txt or 24448-8.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/2/4/4/4/24448/
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
diff --git a/24448-8.zip b/24448-8.zip
new file mode 100644
index 0000000..05354fd
--- /dev/null
+++ b/24448-8.zip
Binary files differ
diff --git a/24448-h.zip b/24448-h.zip
new file mode 100644
index 0000000..b46a130
--- /dev/null
+++ b/24448-h.zip
Binary files differ
diff --git a/24448-h/24448-h.htm b/24448-h/24448-h.htm
new file mode 100644
index 0000000..d3c0ac0
--- /dev/null
+++ b/24448-h/24448-h.htm
@@ -0,0 +1,3395 @@
+
+<!DOCTYPE html
+PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN" "http://www.w3.org/TR/html4/loose.dtd">
+
+<!-- This HTML file has been automatically generated from an XML source, using XSLT. If you find any mistakes, please edit the XML source. -->
+<html lang="nl-1900">
+<head>
+<meta http-equiv="Content-Type" content="text/html; charset=ISO-8859-1">
+
+<title>Om en door den Peloponnesus</title>
+<link rel="schema.DC" href="http://dublincore.org/documents/1998/09/dces/">
+<meta name="author" content="B. de Jandin">
+<meta name="DC.Creator" content="B. de Jandin">
+<meta name="DC.Title" content="Om en door den Peloponnesus">
+<meta name="DC.Date" content="#####">
+<meta name="DC.Language" content="nl-1900"><style type="text/css">
+/* Standard CSS stylesheet */
+
+
+
+body
+{
+font: 100%/1.2em "Times New Roman", Times, serif;
+margin: 1.58em 16%;
+text-align: left;
+}
+
+.titlePage
+{
+border: #DDDDDD 2px solid;
+margin: 3em 0% 7em 0%;
+padding: 5em 10% 6em 10%;
+}
+
+h1.docTitle
+{
+font-size:1.6em;
+line-height:2em;
+}
+
+h2.byline
+{
+font-size:1.1em;
+font-weight:normal;
+line-height:1.44em;
+}
+
+span.docAuthor
+{
+font-size:1.2em;
+font-weight:bold;
+}
+
+h2.docImprint
+{
+font-size:1.2em;
+font-weight:normal;
+}
+
+.transcribernote
+{
+background-color:#DDE;
+border:black 1px dotted;
+color:#000;
+font-family:sans-serif;
+font-size:80%;
+margin:2em 5%;
+padding:1em;
+}
+
+.div0
+{
+padding-top: 5.6em;
+}
+
+.div1
+{
+padding-top: 4.8em;
+}
+
+.index
+{
+font-size: 80%;
+}
+
+.div2
+{
+padding-top: 3.6em;
+}
+
+.div3, .div4, .div5
+{
+padding-top: 2.4em;
+}
+
+.footnotes .body,
+.footnotes .div1
+{
+padding: 0;
+}
+
+h1, h2, h3, h4, h5, h6
+{
+clear: both;
+font-style: normal;
+text-transform: none;
+}
+
+h3
+{
+font-size:1.2em;
+line-height:1.2em;
+}
+
+h3.label
+{
+font-size:1em;
+line-height:1.2em;
+margin-bottom:0;
+}
+
+h4
+{
+font-size:1em;
+line-height:1.2em;
+}
+
+h4.lghead
+{
+margin-left:10%;
+margin-right:10%;
+
+}
+
+.alignleft
+{
+text-align:left;
+}
+
+.alignright
+{
+text-align:right;
+}
+
+.alignblock
+{
+text-align:justify;
+}
+
+p.tb, hr.tb
+{
+margin-top: 1.6em;
+margin-bottom: 1.6em;
+margin-left: auto;
+margin-right: auto;
+text-align: center;
+}
+
+p.poetry
+{
+margin:0 10% 1.58em;
+}
+
+p.line
+{
+margin:0 10%;
+}
+
+p.argument, p.note, p.tocArgument
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+text-indent:0;
+}
+
+p.argument, p.tocArgument
+{
+margin:1.58em 10%;
+}
+
+p.tocChapter
+{
+margin:1.58em 0%;
+}
+
+p.tocSection
+{
+margin:0.7em 5%;
+}
+
+
+div.epigraph
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+width: 60%;
+margin-left: auto;
+}
+
+.epigraph .bibl
+{
+text-align: right;
+}
+
+.epigraph .poem
+{
+margin-left: 0;
+}
+
+.epigraph .line
+{
+margin-left: 0;
+text-indent: 0;
+}
+
+.trailer
+{
+clear: both;
+padding-top: 2.4em;
+padding-bottom: 1.6em;
+}
+
+.floatLeft
+{
+float:left;
+margin:10px 10px 10px 0;
+}
+
+.floatRight
+{
+float:right;
+margin:10px 0 10px 10px;
+}
+
+p.figureHead
+{
+font-size:100%;
+text-align:center;
+}
+
+.figure p
+{
+font-size:80%;
+margin-top:0;
+text-align:center;
+}
+
+p.smallprint,li.smallprint
+{
+color:#666666;
+font-size:80%;
+}
+
+span.parnum
+{
+font-weight: bold;
+}
+
+.leftnote
+{
+font-size:0.8em;
+height:0;
+left:1%;
+line-height:1.2em;
+position:absolute;
+text-indent:0;
+width:14%;
+}
+
+.pagenum
+{
+display:inline;
+font-size:70%;
+font-style:normal;
+margin:0;
+padding:0;
+position:absolute;
+right:1%;
+text-align:right;
+}
+
+a.noteref
+{
+font-size: 80%;
+text-decoration: none;
+vertical-align: 0.25em;
+}
+
+
+.red
+{
+color: red;
+}
+
+.displayfootnote
+{
+display: none;
+}
+
+div.footnotes
+{
+margin-top: 1em;
+padding: 0;
+}
+
+hr.fnsep
+{
+margin-left: 0;
+margin-right: 0;
+text-align: left;
+width: 25%;
+}
+
+p.footnote
+{
+font-size: 80%;
+margin-bottom: 0.5em;
+margin-top: 0.5em;
+}
+
+p.footnote .label
+{
+float: left;
+text-align:left;
+width:2em;
+}
+
+.footnotes td, .footnotes th, .footnotes .tablecaption
+{
+font-size: 80%;
+}
+
+
+.poem
+{
+margin-left:5%;
+position:relative;
+text-align:left;
+width:90%;
+}
+
+.poem h4
+{
+font-weight:normal;
+margin-left:5em;
+}
+
+.poem .linenum
+{
+color:#777;
+font-size:90%;
+left:-2.5em;
+margin:0;
+position:absolute;
+text-align:center;
+text-indent:0;
+top:auto;
+width:1.75em;
+}
+
+.versenum
+{
+font-weight:bold;
+}
+
+/* right aligned page number in table of contents */
+.tocPagenum
+{
+position: absolute;
+right: 16%;
+top: auto;
+}
+
+.footnotes .line
+{
+font-size:80%;
+margin:0 5%;
+}
+
+.poem .i0
+{
+display:block;
+margin-left:2em;
+}
+
+.poem .i1
+{
+display:block;
+margin-left:3em;
+}
+
+.poem .i2
+{
+display:block;
+margin-left:4em;
+}
+
+.poem .i3
+{
+display:block;
+margin-left:5em;
+}
+
+.poem .i4
+{
+display:block;
+margin-left:6em;
+}
+
+.poem .i5
+{
+display:block;
+margin-left:7em;
+}
+
+.poem .i6
+{
+display:block;
+margin-left:8em;
+}
+
+.poem .i7
+{
+display:block;
+margin-left:9em;
+}
+
+.poem .i8
+{
+display:block;
+margin-left:10em;
+}
+
+.poem .i9
+{
+display:block;
+margin-left:11em;
+}
+
+span.corr
+{
+border-bottom:1px dotted red;
+}
+
+span.abbr
+{
+border-bottom:1px dotted gray;
+}
+
+span.measure
+{
+border-bottom:1px dotted green;
+}
+
+.letterspaced
+{
+letter-spacing:0.2em;
+}
+
+.smallcaps
+{
+font-variant:small-caps;
+}
+
+
+.caps
+{
+text-transform:uppercase;
+}
+
+.fraktur
+{
+font-family: 'Walbaum-Fraktur';
+}
+
+hr
+{
+clear:both;
+height:1px;
+margin-left:auto;
+margin-right:auto;
+margin-top:1em;
+text-align:center;
+width:45%;
+}
+
+h2.docImprint,h1.docTitle,h2.byline,h2.docTitle,.aligncenter,div.figure
+{
+text-align:center;
+}
+
+h1,h2
+{
+font-size:1.44em;
+line-height:1.5em;
+}
+
+h1.label,h2.label
+{
+font-size:1.2em;
+line-height:1.2em;
+margin-bottom:0;
+}
+
+h5,h6
+{
+font-size:1em;
+font-style:italic;
+line-height:1em;
+}
+
+p,p.initial
+{
+text-indent:0;
+}
+
+p.firstlinecaps:first-line
+{
+text-transform: uppercase;
+}
+
+p.dropcap:first-letter
+{
+float: left;
+clear: left;
+margin: 0em 0.05em 0 0;
+padding: 0px;
+line-height: 0.8em;
+font-size: 420%;
+vertical-align:super;
+}
+
+.poem
+{
+padding: .5em 0% .5em 0%;
+}
+
+p.quote,div.blockquote,div.argument
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+margin:1.58em 5%;
+}
+
+.pagenum a, a.noteref:hover, a.hidden:hover, a.hidden
+{
+text-decoration:none;
+}
+
+
+ul { list-style-type: disc; }
+ol { list-style-type: decimal; }
+ol.AL { list-style-type: lower-alpha; }
+ol.AU { list-style-type: upper-alpha; }
+ol.RU { list-style-type: upper-roman; }
+ol.RL { list-style-type: lower-roman; }
+.lsoff { list-style-type: none; }
+
+.castlist, .castitem { list-style-type: none; }
+
+
+
+
+
+/* Supplement CSS stylesheet "style/arctic.css.xml
+" */
+
+
+
+body
+{
+background: #FFFFFF;
+font-family: "Times New Roman", Times, serif;
+}
+
+body, a.hidden
+{
+color: black;
+}
+
+h1, h2, h3, h4, h5, h6
+{
+color: #001FA4;
+font-family: Verdana, Arial, Helvetica, sans-serif;
+}
+
+p.byline
+{
+font-style: italic;
+margin-bottom: 2em;
+}
+
+.figureHead, .noteref, span.leftnote, p.legend, .versenum, .stage
+{
+color: #001FA4;
+}
+
+.rightnote, .pagenum, .linenum, .pagenum a
+{
+color: #AAAAAA;
+}
+
+a.hidden:hover, a.noteref:hover
+{
+color: red;
+}
+
+p.dropcap:first-letter
+{
+color: #001FA4;
+font-weight: bold;
+}
+
+
+
+</style></head>
+<body>
+
+
+<pre>
+
+The Project Gutenberg EBook of Om en door den Peloponnesus, by B. de Jandin
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Om en door den Peloponnesus
+ De Aarde en haar Volken, 1909
+
+Author: B. de Jandin
+
+Release Date: January 28, 2008 [EBook #24448]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK OM EN DOOR DEN PELOPONNESUS ***
+
+
+
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+
+
+
+
+</pre>
+
+
+<div class="body">
+<div class="div1"><a id="d0e84"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e84">137</a>]</span><h2 class="normal">Om en door den Peloponnesus.</h2>
+<p class="byline">Naar het Fransch van <span class="smallcaps">B. de Jandin</span>.
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-137.jpg" alt="Het uit lage huizen bestaande moderne Korinthe." width="720" height="235"><p class="figureHead">Het uit lage huizen bestaande moderne Korinthe.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p style="&#xA; background: url(images/ia1909-137.gif) no-repeat top left;&#xA; &#xA; padding-top: 60px;&#xA; "><span style="&#xA; float: left;&#xA; width: 95px;&#xA; height: 90px;&#xA; background: url(images/ia1909-137.gif) no-repeat;&#xA; &#xA; background-position: 0px -60px;&#xA; &#xA; text-align: right;&#xA; color: white;&#xA; ">A</span>ls men voor de eerste maal in een onbekend land aan wal stapt, volkomen verschillend van de streken die men kent, gebeurt
+het niet zelden, dat de indrukken uit den eersten tijd het levendigst zijn en ook het meest juist blijken, omdat ze volkomen
+natuurlijk en spontaan zijn. Zoo is mijn indruk van de aankomst te Athene, waar ik de betrekking van attach&eacute; bij onze legatie
+zou waarnemen, diep in mijn geheugen gegrift. Ik was inderdaad bewogen door de oneindige majesteit van de ru&iuml;nen en de grootschheid
+der mij omringende herinneringen aan het verleden, maar veel dieper troffen mij nog de troostelooze dorheid van Attica, die
+cirkel van bergen, op welker kale toppen geen aasje van plantengroei zichtbaar is, de aanblik van die vlakte, uit niets dan
+stof en steenen bestaande, waar enkele vergroeide olijven hier en daar een plekje schaduw werpen, de dorre beddingen van de
+Kephisos en Ilissus vol brandend heete steenen en de droeve verlatenheid van een natuur die wonderlijk wel harmoni&euml;ert met
+de wankelende gebouwen der doode beschavingen.
+
+</p>
+<p>Daarentegen viel er te bewonderen de verrassende helderheid der atmosfeer, waardoor men met het bloote oog heel in de verte
+de minste oneffenheden van het terrein, de verschillende berggroepen en de minste bochten der rivier kan volgen. Dat mooie
+licht van het Oosten, die vlammengloed der zon, schept de heerlijke kleuren van zacht rose tot geel, van geel tot rood, tot
+violet en donkerblauw, die leven bijzetten aan het antieke marmer der tempels en over de witte, schitterende gebouwen van
+het moderne Athene een glans spreiden, waardoor ze passen bij het warm getinte geheel.
+
+</p>
+<p>De meeste Hellenen, aan wie ik mijn gewaarwordingen meedeel, vertellen mij, dat er in hun land streken zijn, waar de natuur
+zich minder zuinig toont met haar goede gaven dan in de buurt der hoofdstad. &#8220;Ga naar den Peloponnesus,&#8221; voegen ze mij toe,
+&#8220;daar zult ge platanen vinden en eiken bij duizenden; ge zult door provincies reizen, waar ge slechts met moeite u door de
+planten een weg kunt banen, ge zult wouden aantreffen van moerbeiboomen en olijven, en ge zult er de vreemdste indrukken krijgen
+van een beschaving, die nog primitief is, gevoegd bij de genietingen, u verschaft door de stralende zuiverheid van onzen hemel
+en de pracht van onze ru&iuml;nen.&#8221;
+
+</p>
+<p>En ziehier hoe het komt, dat ik na een vol jaar verblijvens in Athene, moe van het woestijnachtige landschap, besloot om,
+zonder mij te bekommeren om de overdrijving, eigen aan het grieksche volkskarakter, waardoor ze alles bekijken in een licht,
+dat wel wat lijkt op dat van hun neven te Marseille, in Morea eens te zien of werkelijk Griekenland geen vervolg is op de
+Sahara in Europa. Ik verkreeg gemakkelijk van mijn chef verlof, eenige dagen op reis te gaan, en zoo ben ik op een stralenden
+lentemorgen op weg naar den Piraeus, waar ik de boot zal nemen, die mij naar Korinthe zal voeren.
+
+</p>
+<p>Het is Goede Vrijdag, op het uur, waarop de menigte der geloovigen te Athene en in den Piraeus naar de byzantijnsche kerken
+begint te stroomen, die gewoonlijk microscopisch klein zijn en waar al gauw de ondragelijke waslucht zich vermengt met slechte
+odeurs en een verstikkende hitte. Het is nog geen zeven uur, en reeds zitten de caf&eacute;&#8217;s aan de haven vol menschen. Sommigen
+slurpen met kleine teugjes de beroemde donkere koffie uit het Oosten, die op elk uur van den dag en den nacht welkom is; anderen
+stellen zich tevreden met een glas frisch water; de meesten gebruiken in het geheel niets of rooken rustig hun narghil&eacute;, die
+op het trottoir staat.
+
+</p>
+<p>Want werkelijk wordt hier een caf&eacute; beschouwd als een openbare plaats, waar ieder vrij mag binnengaan, <a id="d0e109"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e109">138</a>]</span>zonder daarom gehouden te zijn, er iets te gebruiken. Het is de moderne agora, waar de Griek, die in dat opzicht de overlevering
+der Ouden heeft behouden, langen tijd kan zitten in de drukte van hartstochtelijke politieke discussies. De plaatselijke bladen
+of de couranten van de hoofdstad zijn in aller handen, en luidruchtig laat men de vragen van den dag die voor het oogenblik
+de openbare aandacht boeien, over de tong gaan. Het geknoeide papier gaat van de eene hand in de andere; hier uit er een zenuwachtig
+zijn verontwaardiging, daar slaat er een ander de bloedige daden van Bulgaren en Macedoni&euml;rs aan den schandpaal, en ginds
+roept er een de regeering ter verantwoording, wier vrienden en vijanden elkander met felle woorden te lijf gaan. Die menschen
+worden werkelijk dronken van hun eigen woorden; hoe minder ze drinken, des te opgewondener worden ze. Hoe zou het wel zijn,
+als ze al den tijd, dien ze aan hun tafeltjes doorbrengen evenals in het Noorden velerlei soorten van gegiste dranken gebruikten!
+
+</p>
+<p>Intusschen heeft het rijtuig mij afgezet bij de aanlegplaats in den Piraeus, welke pier vernuftig is gebouwd bij de uitmonding
+van een riool. De kleine schoenpoetsers of loustroi, die in Griekenland uit het plaveisel zelf schijnen op te komen, dringen
+om mij heen in de hoop, mijn schoeisel onder handen te mogen nemen, dat toch volkomen vlekkeloos is, en de roeiers betwisten
+elkaar onder een concert van vloeken de twijfelachtige eer, mij naar het schip te brengen. Enkele riemslagen bevrijden mij
+van die ondernemende lieden en weldra beklim ik de wankele trap, hangend langs de zijde van de Haghios-Nikolaos, op het punt
+van naar de landengte te vertrekken. Daar de overtocht maar kort zal duren, behoef ik mij gelukkig niet te bekommeren om het
+krijgen van een hut, als men dien naam mag geven aan de ongemakkelijke hokjes van het tusschendek rondom de algemeene tafel
+en daarvan alleen gescheiden door een gordijn. Snel loop ik door de bonte menigte, die in de gangpaden staat en begeef mij
+naar het dek, waar ik hoop te ontkomen aan de verschillende uitwasemingen om mij heen.
+
+</p>
+<p>Helaas, ik ontvlucht de menschen, om bij de dieren aan te landen! Honderden schapen en lammeren, die al sedert den morgen
+aan boord zijn, worden met ons naar Korinthe vervoerd, om er den volgenden dag te worden geslacht en het Paaschmaal te vormen
+voor de Palikaren. Onmogelijk een plaatsje te vinden te midden van de kudde, die het dek in een viezen, stinkenden poel heeft
+veranderd. Vastbesloten, zooveel mogelijk van den overtocht te profiteeren, bespeur ik daar tot mijn groote vreugde een ledig
+vat, dat door een gezegend toeval in een hoek is blijven staan. Ik baan mij een doortocht door de dichte groepen van mijn
+zonderlinge reisgezellen, en dan mijn valies achter in de ton zettend, kruip ik in die grappige schuilplaats en ben daardoor
+beveiligd tegen een hinderlijke buurschap, terwijl de geest van Diogenes om mij waart.
+
+</p>
+<p>Al spoedig begint de schroef te wentelen; langzamerhand beginnen de praatjes. Men wijst elkaar met den vinger den Gallos,
+den Galli&euml;r, die daar zit uit te kijken, en ik kan wel gissen, dat ze mijn denkbeeld vreemd vinden, om zoo den overtocht van
+drie uren te doen. Maar dat kan mij niet schelen; ik ben nu in de beste luim en geniet van de schoonheid van het tooneel rondom
+mij. Badend in de morgenzon, wordt de vlakte van Athene al kleiner achter ons. Op den achtergrond van den kring van Parnassus,
+Pentelicon en Hymettus teekent zich de voorgevel van het Parthenon schitterend af tegen het blauw van den hemel, terwijl rechts
+de verlaten en rotsachtige oevers van Salamis voorbijgaan en links het eiland Aegina, beheerscht door de zuilen van zijn beroemden
+tempel, als een vooruitgeschoven post den weg naar de Cycladen verspert. De lucht is ijl, en het diepe donkerblauw van de
+zee vertoont hier en daar sierlijke zuilen of rookpluimen van stoombooten.
+
+</p>
+<p>Reeds gewonnen door de glanzende schoonheid van de oostersche natuur, begin ik onder de bekoring te komen van een groote intellectueele
+rust. Hoe heerlijk is het, met niet anders dan een paard, een valies en een goede deken door de wijde ruimten te trekken,
+te kunnen stilhouden, waar men wil, te slapen, waar de nacht u overvalt, te droomen onder olijven aan den oever van een zingend
+beekje, terwijl een boer in de buurt langzaam het grieksche lied neuriet, dat den grooten strijd voor de onafhankelijkheid
+in het geheugen roept. De hitte van den middag doet zelfs het snerpend gepiep van de krekels zwijgen, en onderwijl treden
+ons voor den geest de Oudheid met haar legenden, de Middeleeuwen en de fransche heldenzangen van een Villehardouin en Champlitte.
+Men ontmoet bij iedere schrede het onverwachte, ja, waarlijk hier is stof, die hart en geest in feeststemming brengt van dengene,
+die, als ik, gezonde en sterke ontroering zoekt en ze hoopt te vinden in dit land, dat vroeger werd verhelderd door burgerdeugd
+en moed en door den eenvoud van zeden der Spartanen, wier sto&iuml;sche lijdzaamheid het, tusschen twee haakjes, goed zal zijn
+na te volgen.
+
+</p>
+<p>Terwijl ik zoo aan het droomen ben, passeeren wij de westpunt van Salamis; op groote hoogte gaat langs de berghelling een
+trein van de lijn Patras-Athene; de rook teekent de duizenden bochten van de steile oevers en blijft lang zichtbaar in de
+stille lucht. Dan wordt de kust lager; we komen bij de landengte in het gezicht van Kalamaki, een ellendig visschersdorp,
+bij den ingang van het kanaal, waar we eenige oogenblikken moeten stoppen voor de vereischte formaliteiten van de doorvaart.
+
+</p>
+<p>Van hier gezien, maakt het kanaal van Korinthe werkelijk een zonderlingen indruk. Twee wanden, zoo loodrecht, dat de breedte
+der spleet boven bijna niet breeder is dan beneden, ter gemiddelde hoogte van 50 meter, begrenzen den zes kilometer langen
+doorgang, die 22 meter breed is en door den gelen, onvruchtbaren grond loopt tusschen de Saronische Golf en die van Lepanto
+aan de andere zijde, daarginds waar men het uitzicht heeft op de bergen van Phocis. Alles is rustig, alleen wordt de stilte
+verbroken door het geblaat van de lammeren, die te Kalamaki wachten op het voorbijgaan van de eene of andere boot en hun smart
+schijnen mee te deelen aan de trieste collega&#8217;s van de Haghios Nikolaos.
+
+</p>
+<p>Eindelijk gaat de stoomfluit; de rechten zijn ge&iuml;nd, wij varen het kanaal binnen; plotseling verdwijnt de zon, alsof er een
+gordijn voor werd getrokken; <a id="d0e125"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e125">139</a>]</span>we gaan met zeer langzame schroefslagen vooruit, want de diepte van het kanaal is zoo gering, dat men ieder oogenblik moet
+vreezen, aan den grond te raken. Ik heb later zelfs vernomen, dat tijdens de vaart het verstandig is te zwijgen, terwijl de
+fluit zich niet mag laten hooren, en dat wel om de weinige stevigheid van de wanden, die, in vrij losse aarde aangelegd, de
+bedoelde steile afsluitingen vormen en met het oog op de zuinigheid zoo zijn gebouwd. Alles aan deze onderneming trouwens
+verraadt de zorg, die men had, om geen te groote kapitalen aan te spreken. Het faillissement van de maatschappij, die reeds
+in 1822 met de werkzaamheden was begonnen, onder de leiding van den hongaarschen generaal T&uuml;rr, onlangs gestorven na een leven
+van buitengewone avonturen, heeft zeker de helleensche maatschappij voor oogen gestaan, toen ze eindelijk, zoo goed en zoo
+kwaad, als het ging, het denkbeeld volvoerde van de doorboring van de landengte, dat Nero al koesterde.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-139.jpg" alt="Tusschen de kanaalwanden." width="698" height="541"><p class="figureHead">Tusschen de kanaalwanden.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De zaak is inderdaad altijd treurig geweest en is dat nog; er gaan niet veel schepen door, want het gevaar van vastraken maakt
+het voor schepen van niet al te weinig tonneninhoud onmogelijk, zich te wagen aan de doorvaart van die slecht onderhouden
+en zelden uitgebaggerde wateren. Ze geven er altijd de voorkeur aan, als ze zich van de eene zee naar de andere willen begeven,
+den Peloponnesus om te varen en de meerdere uitgaven goed te maken door een lading van grooter waarde zonder gevaar voor stranding
+en zonder tolrechten. Zoodat de onderneming moeite heeft, rond te komen, haar agenten te betalen, voor de verlichting van
+haar vuurtorens te zorgen en de andere kosten te dragen en dat ieder vooruitzicht op verbetering, dat noodzakelijk kosten
+mee moet brengen, moet worden ter zijde gesteld op straffe van dadelijk faillissement.
+
+</p>
+<p>Intusschen gaat de Haghios Nikolaos voorzichtig verder. Daar hebben we de brug, waar de spoorweg naar Korinthe over gaat;
+wij kunnen enkele herders over de leuning zien hangen, om in de diepte te kijken en ons nieuwsgierig te beschouwen, want de
+aanblik van een schip, dat door het kanaal vaart, is zeldzaam genoeg, om de aandacht te trekken. Eindelijk wordt het scherm,
+dat ons van de wereld afscheidt, lager; de betrekkelijke duisternis, waarin wij gedompeld waren, maakt langzamerhand plaats
+voor helder licht en weldra voor den fellen zonneschijn, toen ons schip uit de kloof te voorschijn kwam, om zich dadelijk
+links te wenden naar het dichtbij zijnde Korinthe.
+
+</p>
+<p>Die eertijds zoo beroemde stad maakt van hier een klagelijken indruk; ik zie, naarmate we nader komen, een opeenhooping van
+lage huizen, die een 4000 of 5000 menschen kan herbergen, eenige straten zonder trottoirs, een ellendig station, alles grijs
+en somber van tint. De omstreken van de landengte aan dezen kant van het kanaal zijn al even woestijnachtig als aan de zijde
+van de Saronische Golf. Tegenover Korinthe verrijst een groote, akelig kale berg, aan welks voet Loutraki ligt; achter de
+stad naar het Zuiden staat de indrukwekkende rots van den Akrokorinth. Maar de kust naar het westen is groen, want daar beginnen
+de wijngaarden, waar men binnen enkele maanden de heerlijke korinthische druiven zal oogsten, de kleine, die als krenten het
+hart van iedere goede angelsaksische huishoudster verheugen. Het is elf uur in den morgen; de boot gaat nu niet meer vooruit
+dan met de reeds verkregen snelheid, en ofschoon we nog niet geheel stil liggen, kan het koeltje uit zee maar juist genoeg
+de hitte temperen van de in Griekenland reeds brandende Aprilzon. Wat zal het zijn, als ik straks den Akrokorinth zal bestijgen?
+
+</p>
+<p>Plotseling klinkt een geluid van het ontrollen van een ketting; men heeft het anker uitgeworpen; dus wordt het tijd, dat ik
+mijn vat verlaat. Ik stap over de poelen van het dek en daal af naar de lagere terreinen, waar de gewone luidruchtigheid heerscht,
+die bij elke lading in dit land voorkomt. Ieder haast zich naar de veelkleurige zakken en pakken, die in vuile poelen en vet
+rondslingeren, van alle kanten hoort men uitroepen, en de buitensporigste bewegingen doorklieven de lucht. Men <a id="d0e140"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e140">140</a>]</span>baant zich een weg en duwt zonder omslag ieder, die het ongeluk heeft u in den weg te komen. Ik doe als de anderen, maar rustiger,
+en eindelijk ben ik daar, waar de booten wachten op passagiers, om hen naar den wal te brengen. En weer zijn er hevige disputen
+te midden van de onontwarbare roeiriemen, die hun best doen, om zoo dicht mogelijk tot de scheepsladder te naderen, dienstaanbiedingen
+met de hand op het hart, smeekende &#8220;kyrie&#8217;s&#8221;, in &eacute;&eacute;n woord de strijd om de drachmen in al zijn rauwe werkelijkheid. Een bonte
+menigte vult de booten, en na enkele oogenblikken ben ik aan land ten prooi aan een wolk van loustroi of dragers, die mij
+alles ontnemen zouden, wat ik bij mij heb, als ik er mij niet met hand en tand tegen verzette.
+
+</p>
+<p>Het door mij gekozen hotel leek nog al goed, en de eigenaar, die een beetje Fransch brabbelt, meent mij te moeten ontvangen
+met vurige betuigingen van toewijding, die ik afsnijd door terstond naar den Akrokorinth te vertrekken, voorzien van eenig
+proviand, dat ik onderweg denk te gebruiken.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-140.jpg" alt="Zuilen van den tempel van Aphrodite." width="720" height="484"><p class="figureHead">Zuilen van den tempel van Aphrodite.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Ik neem plaats in een van die ouderwetsche landauers, met wapens overdekt, waarme&ecirc; men zegt, dat de Duitschers een groot deel
+van de krenten, die ze koopen, betalen. Die ongelukkige voertuigen, die ongetwijfeld in hun jeugd de menschen hebben gereden
+die men tot de grooten der aarde rekent, hebben inderdaad hier op de gruwelijke wegen van Griekenland, waar ze spoedig geru&iuml;neerd
+zijn, een treurig einde. En terwijl ik bij het rijden door de stad aan dien droevigen loop der dingen hier beneden denk, wordt
+mijn aandacht plotseling getrokken door een gebouw van bescheiden voorkomen met groote staven voor de vensters. Het schijnt
+de gevangenis van Korinthe te wezen, maar men moet het mij uitdrukkelijk zeggen, eer ik het kan gelooven. Achter de tralies
+staan halfnaakte mannen te kijken naar de kleine voorvallen op straat; ze schelden op de voorbijgangers, die ze kennen, en
+vragen aan de vreemdelingen om aalmoezen. In de vuile, donkere zalen zijn sommigen bezig in de afschuwelijk slechte lucht
+kleine houten voorwerpen te maken, anderen, die luier zijn, rooken kalm hun sigaret, hun door vrienden gebracht. En de ambtenaar,
+die het toezicht heet te houden over deze interessante wereld, wandelt onverschillig heen en weer; hij heeft zijn geweer binnen
+neergezet en maakt nu en dan v&oacute;&oacute;r zijn wachthuisje een praatje met de gevangenen, den elleboog leunend op de vensterbank.
+Dat lijkt al heel weinig op een repressiemaatregel, als men zoo&#8217;n vrijheid toelaat, en ik vermoed, dat de bedreiging met deze
+gevangenis niet veel indruk zal maken op het gemoed van de lieden. Het moet erkend, dat het juist zoo gaat bij bijna alle
+volken van het Zuiden, waar alles huiselijk toegaat in die dingen, en waar het met de zedelijkheid toch niet zooveel erger
+of beter is gesteld dan in onverschillig welk noordelijk land.
+
+</p>
+<p>We bevinden ons enkele oogenblikken later op den weg, die naar het sombere plaatsje voert, dat Paleo-Korinthos heet, en waar
+een aardbeving in het midden van de vorige eeuw groote verwoestingen aanrichtte, waarna het tegenwoordige Korinthe aan zee
+is gebouwd. Van de grootheid uit veel vroegeren tijd is niets meer over; de stad van 300 000 inwoners, wier roem de gansche
+wereld vervulde, al viel er misschien wel wat op af te dingen, is door de aanvallen <a id="d0e153"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e153">141</a>]</span>der barbaren, Franken en Turken, zoo goed als met den grond gelijk gemaakt, zoo dat enkel een paar zuilen van een tempel,
+die, denkt men, aan Aphrodite gewijd was, nog een rest zijn van oude glorie.
+
+</p>
+<p>Daar draait mijn koetsier, mijn amaxa, zich om, ten einde er mij opmerkzaam op te maken, dat we nu op het plateau komen; plotseling
+zie ik de roode zuilen van den tempel te voorschijn komen met den machtigen Akrokorinth op den achtergrond. De gekanteelde
+muren, die van beneden zichtbaar zijn, steken tegen den vlammenden hemel af: &#8220;Poly, poly aureo, zeer, zeer mooi!&#8221; roept mij
+de waardige Helleen toe, met alle teekenen van een echte geestdrift, die inderdaad gevoeld wordt, en waarin de hartgrondige
+wensch zich uit, dat ik zijn kinderlijke bewondering voor de nationale schoonheden moge deelen.
+
+</p>
+<p>Ik heb vaak opgemerkt, dat de Griek, tot welke klasse van de maatschappij ook behoorend, vast overtuigd is, dat alles, wat
+er op den bodem van zijn geboorteland te vinden is, prachtig en heerlijk is, zonder weerga, en dat, als de vreemdeling het
+daar niet mee eens is, hij zich schuldig maakt aan de misdaad van Hellenisme-schennis. Dat is een zeer lofwaardig vaderlandsch
+gevoel, gevoegd bij een kinderlijkheid, die een der kenmerken is van het ras. Mijn gids is zich zonder twijfel maar zeer flauwtjes
+bewust van de redenen, die hem in opwinding brengen; maar hij geeft er zich heel goed rekenschap van, dat hier een vreemdeling
+is en dat die man volstrekt in geestdrift moet worden gebracht en dat hij daar duidelijk blijken van moet geven.
+
+</p>
+<p>Het landschap is trouwens van zulk een woeste schoonheid, dat het mij geen oogenblik moeite kost, om in den toon te blijven;
+ik stap uit het rijtuig en wachtend tot het paard, dat mij aanstonds het steile pad van den Akrokorinth zal opvoeren, is aangekomen,
+zet ik mij er toe, om eer aan te doen aan de harde eieren, mij door mijn hoteleigenaar meegegeven. Overal zie ik heidestruiken,
+waaronder zich graven en doodengrotten verbergen; ik koos een der heuveltjes uit, mogelijk wel dat, waar Paulus volgens de
+overlevering zijn Brief aan de Korinthi&euml;rs heeft geschreven. Die hadden, naar het schijnt, behoefte aan een zedepreekje, om
+hen in hun weelde wat in toom te houden. De Korinthi&euml;rs van tegenwoordig zouden niet veel hebben aan een dergelijke toespraak.
+Over dat alles dacht ik bij mijn frugaal ontbijt onder het gesjirp der krekels, die dronken waren van den zonneschijn en het
+warme heidekruid.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-141.jpg" alt="Afscheiding van het koor in een byzantijnsche kerk." width="576" height="720"><p class="figureHead">Afscheiding van het koor in een byzantijnsche kerk.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De velden zijn bijna geheel verlaten; alleen ploegen twee ossen, gespannen voor een primitieven ploeg, een armoedig stukje
+grond; overal elders is het land verlaten. De landverhuizing, die de hooge plateau&#8217;s van den Peloponnesus ontvolkt, begint
+hier ook al haar uitwerking te doen gevoelen; de economische crisis, die de laatste jaren op de druiven van Korinthe heeft
+gedrukt, heeft reeds een deel van de noordkust ontvolkt. En toch is de bodem hier minder dor en onvruchtbaar dan in de streken
+van het midden, waar de grond zijn bewoners niet kan voeden, zoodat ze in massa hun land verlaten, om naar Amerika te gaan
+in de hoop, daar een spaarduitje te kunnen maken. Ze houden verblijf in de groote steden van het Noorden en houden er zich
+bezig met <a id="d0e168"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e168">142</a>]</span>de kleine bedrijven, bij voorbeeld dat van bloemenverkoopers. Daar ze zeer matig zijn en weinig behoeften kennen, bovendien
+verstandig en zuinig, gebeurt het niet zelden, dat ze na een vijf- of tiental jaren terugkomen met de enkele duizenden drachmen,
+waarvan ze zullen kunnen leven. Want al die emigranten, in tegenstelling met Italianen en Angelsaksers, keeren terug; men
+zal ze zelden of nooit zich zien vestigen in het vreemde land; hun familie blijft in Griekenland en niets is roerender te
+zien dan het geduld, waarmee de vrouwen en kinderen en de grijsaards hopen op den terugkeer van dengene, die hun droevig lot
+van ontbering zal verbeteren.
+
+</p>
+<p>In dien tusschentijd kwijnen de stumpers in ellende; het lijkt wel, dat in sommige dorpen geen enkel valide man is overgebleven;
+de velden zijn verlaten en de landen blijven braak liggen, ook als er zeer goed iets op kon worden verbouwd. Het gaat maar
+net, om een vergadering van den gemeenteraad te vullen of een stembureau, als er een verkiezing voor de vertegenwoordiging
+moet plaats hebben. Die toestand is ongetwijfeld nadeelig voor de normale werking van de instellingen van het rijk; maar hij
+heeft nog veel nadeeliger gevolgen uit economisch oogpunt, want meer en meer blijkt, dat niet het aantal over de welvaart
+beslist, maar het gebruik, dat van de natuurlijke hulpbronnen van een land wordt gemaakt.
+
+</p>
+<p>De grieksche regeering heeft wel getracht, maar te vergeefs, door de wetgeving die beweging tegen te houden, maar ze moest,
+om tot eenig resultaat te komen, liever de levensomstandigheden verbeteren, den ondernemingsgeest aanmoedigen, kapitalen tot
+zich trekken. Maar allen, die in Griekenland zijn geweest, zullen met mij moeten erkennen, dat die taak boven haar krachten
+gaat, ten minste voor het oogenblik, en ik zie nog geen afdoend middel in het verschiet tegen de plaag der landverhuizing,
+die verwoestend werkt, nu ze niet door overbevolking noodzakelijk is, en die een ramp wordt voor den Peloponnesus en vele
+andere provincies van het rijk.
+
+</p>
+<p>Terwijl ik zoo aan het mijmeren ben, verschijnen mijn paard en zijn agoyaat, die het dier geleidt en er ook meestal de eigenaar
+van is; hij blijft erbij al den tijd, dat de verhuring duurt en brengt het dan naar het punt van vertrek terug. &#8220;Kalimera
+sas, kyrie, goeden dag, Mijnheer!&#8221; roept de nieuw aangekomene mij toe en reikt mij de hand, want dit democratisch land is
+er ook een van vriendschapsbetuigingen. En hij begint een lang gesprek, dat nog voortduurt terwijl we al lang onderweg zijn.
+
+</p>
+<p>Deze manier van reizen, waarmee ik reeds kennis had gemaakt het vorig jaar in het <span id="d0e178" class="corr" title="Bron: vastlandsche">vastelandsche</span> Griekenland, is al bijzonder ongemakkelijk. Men stelle zich een zadel voor, dat in sommige opzichten gelijkt op het toestel,
+dat voor de circuspaarden in gebruik is, maar dan minder vlak, bestaande uit een samenstel van stukken gebogen hout, die,
+zoo goed en zoo kwaad als het gaat, het lichaam van het muildier omsluiten, met een duidelijke helling van den hals naar achteren.
+De breedte is zoo groot, dat de beenen buitengewoon ver van elkander zijn, wat op den duur lastig wordt; men zit op een roode
+deken van grof weefsel en steunt de handen op de beide steunende handvatsels, die bevestigd zijn aan den boog van het zadel
+boven den hals van het paard, de voeten rusten in strikken van touw, die stijgbeugels verbeelden, en zoo laat men zich schudden
+over de slechte wegen op het martelinstrument en naar het welgevallen van een dier, dat nooit zich erin schikt ergens te loopen,
+waar het niet verkiest te gaan. Ik kan zonder overdrijving zeggen, dat twee uren van zulk rijden voldoende zijn om iemands
+ribben te breken. Hoe is het mij gelukt, het tien en zelfs vijftien uren achtereen vol te houden? Dat zijn inderdaad heldendaden
+geweest, die voor de stevigheid van mijn organisme pleiten.
+
+</p>
+<p>Na een uur stijgens over een in de rots uitgehouwen weg, langs weinig geruststellende afgronden, kom ik, zonder dat het uitzicht
+mij is benomen door een enkelen boom, die dien naam verdient, op het plateau, dat ter hoogte van bijna zeshonderd meter boven
+de zee de zonderlingste opeenhooping van gebouwen draagt, die ik ooit heb gezien. Dat komt doordat sinds de vroegste tijden
+tot de gedenkwaardige gevechten van den vrijheidsoorlog dit plateau beurtelings tot schuilplaats heeft gediend voor de Pelasgen,
+de Franken, de Venetianen en de Turken.
+
+</p>
+<p>Er is daar een ware chaos van ru&iuml;nen uit allerlei tijden; venetiaansche muren, tegenwoordig nog in zeer goeden staat, staan
+naast overblijfselen van christelijke kerken, opgericht in de oudste tijden van het christendom met de materialen van de heidensche
+tempels. Iets verder vindt men de versterkingen van den Islam, fondamenten van paleizen en moskee&euml;n, op hun beurt gebouwd
+van antieke resten uit de christenkerken. Ik ga voorbij de beroemde fontein, waarop Bellerophon Pegasus aangrijpt; die later
+alle leidingen vulde, nu half verstopt, die men overal ontmoet binnen de muren van de vesting. Van hoeveel woelingen en omwentelingen
+verhalen aldus de steenen, die getuigen waren van zooveel plechtigheden, zooveel losbandigheid ook en mogelijk deel hadden
+aan zooveel heldendaden! En daar te midden van de ru&iuml;nen, die, om zoo te zeggen, de ver teruggeweken eeuwen grijpbaar maken,
+doet zich plotseling een tooneel uit het moderne Griekenland aan mij voor. Een oude vrouw zie ik, gekleed in den langen witten
+mantel zonder mouwen, die veel gelijkt op dien, welken de montenegrijnsche vrouwen dragen, een doek over het hoofd, het benedengelaat
+op zijn Turksch gesluierd; zij trekt een ezel aan een touw, die een kleinen voorraad hout voor haar draagt. De oogst is zoo
+gering, want er zijn haast geen boomen hier, en de vrouw schijnt in de algemeene verlatenheid al even arm als het land dat
+ze moet bewonen. Dat treffende beeld van de economische moeilijkheden van het moderne Griekenland, waarop ik nog van tijd
+tot tijd zal moeten terugkomen, voegt zich bij de vorige indrukken en in vrij melancholieke stemming hijsch ik mij van steen
+tot steen omhoog tot het hoogste punt van de acropolis.
+
+</p>
+<p>De ligging van den Akrokorinth tusschen twee zee&euml;n op den drempel van den Peloponnesus en op de grenzen van het vastelandsche
+Griekenland maakt, dat men van de hoogte daar een wonderlijk fe&euml;riek schouwspel geniet. Aan mijn voeten de witte vlakte, waarop
+in een wolk van stof het oude en het nieuwe Korinthe liggen; hier en daar enkele groene plekken, <a id="d0e187"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e187">143</a>]</span>olijvenbosschen of wijngaarden, de smalsporige lijn van den ijzeren weg, die aan den eenen kant naar Kalamata en aan den anderen
+naar Patras gaat, dan de blauwe wateren van de beide golven, gescheiden door den gelen drempel van de landengte, en verder
+de rechte lijn van het kanaal, dat die laatste doorsnijdt. Meer op den achtergrond de bergen van Phocis, Boeoti&euml; en Dori&euml;,
+de Kitheron, de Helicon en de top van den Parnassus, die om dezen tijd nog wit is en dien ik reeds heb bezocht bij mijn tocht
+naar Delphi, zoodat ik hem een vriendschappelijken groet van herkenning toezend.
+
+</p>
+<p>Naar het Oosten de Saronische Golf en de Aege&iuml;sche Zee, bezaaid met eilanden, die nu door de naar den kant van Patras dalende
+zon met licht worden overgoten; ze rijzen uit zee in een feest van stralenden glans, kaal en dor, maar in zoo zuivere lijnen
+en zoo sober, dat ze bij die ongeloofelijke helderheid der atmosfeer een uitstraling schijnen der schoonheid zelve. Daar is
+Aegina, herkenbaar aan den kegelvormigen top, Salamis, dat den ingang afsluit van de baai van Eleusis en gedeeltelijk met
+het vasteland samenhangt. Boven de kale bergen van het eiland zie ik de bekende Pentelische hoogten; ik kan de wittere plekken
+onderscheiden van de schitterende marmeren gebouwen van de acropolis van Athene en de bontheid van de kapel van den Lycabettus;
+de kust van Attica rekt zich als een eindeloos voorgebergte naar den kant van Azi&euml;, naar die nog niet bevrijde deelen van
+de helleensche wereld, die in den vuurtoren van kaap Sunium een baken kunnen zien, dat hun vertrouwen in de toekomst geeft,
+omdat hij den reeds vrijen grond van het vaderland aanwijst. Achter mij verrijzen in onrustige gelederen de bergen van den
+Peloponnesus, de hoogten van Argos, die ik morgen zal bereizen, die van Achaja en Arkadi&euml;, door tallooze dalen doorsneden,
+die al donker zijn, en heel in de verte de grootsche bergen van den Taygetos en den Erymanthos, waar de blik wordt gestuit.
+
+</p>
+<p>Intusschen is mijn agoyaat gekomen; hij raakt mijn schouder aan, en mij wijzend op de ondergaande zon aan den horizon, tracht
+hij mij te doen begrijpen onder een dolzinnig gelach, dat het hem noodig schijnt om het voorbeeld van rust te volgen. En inderdaad
+het is drie uur en ik wil nog, eer ik naar Korinthe terugkeer, een blik werpen op de oude necropolis. &#8220;Embros, vooruit!&#8221; zeg
+ik tot mijn gezel, en daar zijn we weer te midden van de waggelende steenen, waarboven de wind klagelijk door de toppen van
+armelijke dennen suist. Weldra is de laatste muur gepasseerd; daar is de weg weer met de rollende steenen, die nog lastiger
+zal wezen bij het dalen, dan hij reeds was bij het stijgen; ieder oogenblik glijdt mijn ezel met de vier pooten uit op een
+al te gladden steen, en ondanks al, wat men mij heeft gezegd te Athene over de vertrouwdheid van die dieren, meet ik met al
+grooter wordende ongerustheid bij elken misstap de diepte van den afgrond, waarlangs we rijden en waarin ik mijzelven al zie
+neerstorten.
+
+</p>
+<p>Maar aan alle ellende komt een einde; een uur later hebben we het rijtuig weer bereikt, dat te <span id="d0e195" class="corr" title="Bron: Palaeo-Corinthos">Palaeo-Korinthos</span> op mij had gewacht en dat mij over Hexamilia en Isthmia naar Korinthe moet terugvoeren. Ik zeg mijn muilezel vaarwel en groet
+den geleider, na aan dien laatste in de herberg een glas raki te hebben gepresenteerd, een soort van brandewijn, die heel
+uit de verte aan onze anisette herinnert, maar veel sterker is en minder lekker. Men gebruikt dien drank met een paar olijven
+in olie, en hij is ten minste eenigszins drinkbaar. Dat kan ik tot mijn spijt niet zeggen van de afschuwelijke brouwsels,
+die men mij nu en dan in den loop van mijn reis heeft voorgezet. De raki was dan in die moeilijke omstandigheden, als ik v&oacute;&oacute;r
+alles zorg moest dragen de gevoeligheid van de brave lieden niet te kwetsen, een uitkomst, de gemakkelijke drank, die mij
+altijd in staat stelde mijn glas te ledigen op de gezondheid van mijn gastheeren en op de glorie van Hellas.
+
+</p>
+<p>Een oogenblik later rijd ik naar Hexamilia, een ellendig gehucht, dat men bereikt na den spoorweg te zijn overgegaan, die
+van Nauplia in de laatste jaren voortgezet is door den geheelen Peloponnesus tot Sparta en Kalamata. Op een der heuvels, die
+zich in grooten getale rechts en links van mijn weg verheffen, rijst op vier palen een landelijk hutje hoog boven den grond.
+Het dient om de herders voor de barheid van het weder te beschutten en maakt den indruk van een dier primitieve constructies,
+bedacht door de inboorlingen van Centraal-Afrika, om zich voor nachtelijke aanvallen van wilde dieren onbereikbaar te maken.
+
+</p>
+<p>De velden langs den weg bevatten alle graven, waarin men zooveel van die mooie aardewerkfiguurtjes heeft gevonden, die bij
+ons onder den naam Tanagrabeeldjes bekend zijn; er is geen wijngaard, geen stuk gronds, waar men niet van die uitgegraven
+plekken ziet en dat wel over een afstand van bijna tien kilometer tot aan de plaats der oude isthmische spelen, die alle drie
+jaren werden gehouden in den tijd der korinthische grootheid, binnen de groote heiligdommen van Poseidon. Ongelukkig is mijn
+archeologische kennis gering en een beetje verward, wat mij niet belet, belang te stellen in die ingestorte tempeldeelen en
+die resten van theaters, die zelf al lang verdwenen zijn onder venetiaansche bouwwerken en turksche, op hun beurt weggevaagd.
+In de verte zie ik de plaats, waar de haven Kenkhreus lag aan de Sardonische Golf, oudtijds vereenigd met die van Lechaion
+achter in de golf van Lepanto door een vernuftig stelsel van houten rails, waarover men de booten kon laten glijden, die de
+landengte wilden passeeren. De scheepvaart in het moderne kanaal moge vol hinderlagen wezen, ze is dan toch een vooruitgang
+op die manier van vervoer, al ontbrak daar geen verrassende originaliteit aan.
+
+</p>
+<p>Het was bijna geheel avond geworden toen ik te Korinthe aankwam, dat op dezen dag vol hing met reukjes van uien en gebak,
+vermengd met allerlei nog minder aangename geuren. De orthodoxe vasten is inderdaad zeer streng en wordt over het algemeen
+trouw in acht genomen, niet enkel in de weken, die aan Paschen voorafgaan, maar ook in den tijd van Kerstmis en Maria-Hemelvaart.
+Zoo hebben de Grieken drie perioden van boete, die te zamen misschien strenger zijn dan bij de Katholieken de laatste dagen
+der Heilige Week. Ik heb nog niet begrepen, waarom deze geloofsinrichting, die echtscheiding toelaat en die bij gevolg veel
+minder streng is uit het oogpunt <a id="d0e204"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e204">144</a>]</span>van de leer dan de katholieke godsdienst, aan haar volgelingen zulke zware lasten oplegt, die niet passen bij de leer.
+
+</p>
+<p>Hoe het zij, de verschillen van de beide kalenders veroorloven het mij, de onthouding van het vasten te ontgaan en integendeel
+voldoende eer te bewijzen aan het maal, dat de hotelhouder had laten klaar maken en dat zeer smakelijk was. Geen nationale
+schotels, maar een compromis tusschen een keuken, die op de spijskaart pompeus als fransch wordt aangeduid, en napolitaansche
+ragouts. Een lekker wijntje van Cephaloni&euml; besproeide het geheel. Er waren met mij aan tafel eenige Amerikanen, die uit Olympia
+komen, en een koopman uit Patras, die morgen naar Athene gaat en die ons veel vertelde over druiven en druivenoogsten.
+
+</p>
+<p>Om den welbesteden dag goed te besluiten, ga ik nog op het plein, waar voor twee duizend jaar de priesteressen van Aphrodite
+haar dienst hadden, de nachtelijke processie zien van Goeden Vrijdag. De menigte vult reeds de breede en stoffige straten
+met flauw verlichte winkels. De kleine balkons, die aan geen huis ontbreken, zijn zwart van toeschouwers, die met een kaars
+in de hand wachten op het voorbijgaan der heiligenbeelden. Ik sla den weg naar de kerk in, waaruit de stoet juist is vertrokken,
+voorzien, als iedereen, van mijn kaars; al spoedig stippelen duizenden kleine lichtjes de duisternis; de jongens laten voetzoekers
+knappen te midden van de menigte; hier en daar wapperen blauw en wit gestreepte vlaggen aan de vensters, waar af en toe bengaalsch
+vuur wordt afgestoken. Daar hoort men de tonen van een fanfare en de processie nadert. Aan het hoofd de muziek van het garnizoen,
+die treurmarschen speelt; dan volgen de priesters in hun kerkgewaden, de vierkante muts op het hoofd, van wie sommigen Christusbeelden
+aan het kruis dragen en anderen een groot wit laken, dat een zweetdoek voorstelt.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-144.jpg" alt="Het patriarchale van de Grieksche boeren." width="701" height="543"><p class="figureHead">Het patriarchale van de Grieksche boeren.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De ernstige stemmen van de geestelijken mengen zich onder de treurige tonen van het koper en de vroolijke geluiden en verwekken
+een vreemde dooreenwarring van een kerkelijke plechtigheid en een volksfeest. Eindelijk komen de burgerlijke autoriteiten
+en de militaire, de prefect en de kolonel van het regiment, die ook de traditioneele kaars dragen; dan de menigte in dichte
+gelederen, onverschillig voor de wasdruppels, die van de balkons vallen, en blij gestemd door het licht en de muziek. Veel
+ernst bespeur ik niet onder de menschen, al zijn de Grieken een volk, dat graag zijn gevoel naar buiten toont; het karakter
+van deze groote kinderen leent zich nu eenmaal niet tot uitingen van droefheid, die toch eigenlijk bij de omstandigheid zouden
+passen. Het is niet zeer waarschijnlijk, dat de bewoners van het antieke Korinthe zulke harde bedden hebben gehad om op te
+slapen, als dat waarop mij de hotelhouder uit het moderne Korinthe tracteerde, anders zou hun naam van verwijfdheid al heel
+weinig verdiend zijn. Ik geloof eerder, dat dit dunne plakje van paardehaar, dat dadelijk op de planken rust en waarin men
+moeilijk de samenstellende deelen van een matras herkent, een der eigenaardigheden is van het moderne Griekenland en dat men
+vermoeienissen als die, welke ik ondervond bij het bestijgen van den Akrokorinth, moet hebben doorstaan, om er behoorlijk
+op te kunnen slapen. Maar mijn nacht werd dan ook niet gestoord door eenigen onwelkomen beet, en zeer verkwikt werd ik wakker,
+klaar om weer op weg te gaan.
+
+<a id="d0e217"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e217">145</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-145.jpg" alt="Booten vol publiek, van wal stekend te Poros." width="720" height="355"><p class="figureHead">Booten vol publiek, van wal stekend te Poros.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De zon staat al hoog aan den hemel als ik bij het station kom, waar spoedig de trein verschijnt, die mij naar Mycene zal voeren,
+een vroeger beroemde stad en die thans haar naam geeft aan een onbeduidende halte van den spoorweg van Athene naar Kalamata.
+Zoo is de werkelijkheid van het moderne helleensche leven op het nauwst verbonden met de grootsche herinneringen aan de oudheid,
+en ik moet bekennen, dat de aureool, waarmee onze beschaving al wat grieksch is omgeeft, wel te lijden heeft van die vereenzelviging.
+Wij zeggen in Frankrijk, dat het belachelijke doodend is; gelukkig, dat dit aphorisme niet gangbaar is in Griekenland, want
+dan zou er tegenwoordig niet veel overblijven van al die beroemde helden, van die legenden en heldendaden, welker namen de
+menschheid slechts met eerbiedige aandoening uitspreekt. Sedert ik een waschman en een bediende heb gehad, die respectievelijk
+Alcibiades en Pericles heetten, kan ik niet zonder een glimlach het beeld van hun beroemde peten mij voor den geest roepen,
+en ik begrijp uitstekend, dat de spotzucht van een About of een Offenbach door die amusante tegenstellingen is gewekt.
+
+</p>
+<p>Maar de trein komt in beweging; die kleine spoorwegen, die Griekenland beginnen te doorkruisen, loopen wanhopig langzaam.
+Een veertigtal kilometers scheiden Korinthe slechts van Mycene, en we zullen bijna twee uren noodig hebben, om dien afstand
+af te leggen. Ik moet echter zeggen, dat het terrein nog al effen is, dat er talrijke en scherpe bochten zijn te maken; maar
+dat alles verhindert niet, dat men gemakkelijk tijd kon winnen, als de weg goed was aangelegd, het materiaal solieder en het
+personeel beter geoefend was. Maar daar is altijd in Griekenland die lastige geldquaestie, die elke ernstige verbetering tegenhoudt.
+In zijn geheel is het land arm en weinig bevolkt; de opbrengsten van de spoorwegen, die buiten enkele tijden van het jaar
+zoo goed als niets vervoeren, zijn zoo problematisch, dat vele maatschappijen moeite hebben om rond te komen. In die omstandigheden
+kan er van vooruitgang geen sprake zijn, omdat men eerst, om daartoe te komen, den ondernemingsgeest zou moeten wekken en
+den economischen toestand van het land zou moeten verbeteren.
+
+</p>
+<p>In dit opzicht is het nog mogelijk, dat de spoorweg, die pas geopend is van Athene naar de turksch-grieksche grens, tot goede
+resultaten leidt, vooral als de aansluiting bij het europeesche spoorwegnet eindelijk werkelijkheid wordt. De nieuwe lijn,
+ondersteund door de oostenrijksch-hongaarsche regeering, die den Piraeus in gemeenschap met Middel-Europa zal brengen, zou
+zeker een staat van zaken scheppen, die, daar ben ik van overtuigd, weldadig zou terugwerken op het geheele net van de helleensche
+spoorwegen. Maar ik vrees, dat de laatste nog lang hun slechten naam zullen verdienen, die op dit oogenblik voor mij zoo duidelijk
+wordt gedemonstreerd door de vervelende halten van de kleine locomotief, waarmee ik naar Argos word gebracht.
+
+</p>
+<p>En inderdaad, na door Hexamilia te zijn gereden, dat ik gisteren per rijtuig passeerde, komen we in een bergpas met een kloof,
+in welker diepte een stroom moest bruisen en waar ik niet anders zie dan gele steenen. Evenwijdig met den weg van de spoorlijn
+loopt een onduidelijk pad vol diepe plassen en losse steenen; dat schijnt een rijksweg. Wat moeten dan de gemeentewegen zijn
+in dit land! We rijden enkele kleine ezels voorbij, waar mannen op zijn gezeten met de beenen terzij. Ze dragen de fustanella
+of het korte rokje en slaan met de vrij hangende beenen de maat op den buik van hun rijdieren, om die sneller te doen gaan,
+maar zonder eenig succes meestal. Zeker hebben ze vrienden in den trein, want men hoort, ondanks het lawaai van den stoom,
+stukken van zinnen en gelach aan het adres van een compartiment naast het mijne. Spoedig daarna <a id="d0e231"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e231">146</a>]</span>komen we op een klein plateau, waar enkel dennen en heide groeien en hier en daar toefen reeds verdroogd gras, hoewel we nog
+maar April hebben. Het klokje van een eenzame geit doet zich hooren, maar ik kan het dier niet te zien krijgen, zoo weinig
+steekt het af tegen den bruinen grond.
+
+</p>
+<p>Daar zijn we eindelijk op de hoogte, de machine zwijgt, de optocht gaat wat sneller, we beginnen te dalen naar de kloof van
+Longopotamos. Ik bespeur links een of twee huizen, tegen de helling van den berg geleund, niet ver van de ru&iuml;nen van een kasteel,
+dat stellig uit de Middeleeuwen stamt. Dat zijn sedert Hexamilia de eerste huizen, die ik ontmoet, en deze weg is een der
+economische hoofdaders van het verkeer in Griekenland! Dan wordt de pas nauwer, de grond lijkt minder onvruchtbaar, want ik
+zie enkele tuberozen in de diepte van een ravijn. Dus moet er water in de buurt zijn, en inderdaad daar verschijnt vlak naast
+het station Dervenaki, waar de trein stilhoudt, een khani, herberg, bekoorlijk gelegen, aan den oever van een ruischend beekje
+in de schaduw van prachtige moerbeiboomen, waarvan het donkere groen heerlijk samenstemt met het zachte rose van andere bloemen.
+Het schouwspel komt zoo onverwacht, is zoo nieuw voor mij, dat ik een kreet van bewondering niet kan onderdrukken. Men moet
+als ik zoo langen tijd beroofd zijn geweest van het rustgevend gezicht van een rijk en frisch plantenleven, om te begrijpen
+wat ik gevoel. Het lijkt mij, of ik uit een woestijn kom; daar zijn dan eindelijk boomen en water, een weldadige vochtigheid,
+die het groen doet ontluiken, gras, dat het vocht vasthoudt, hetwelk zoo noodig is voor het leven. Het is, omdat Griekenland
+geen bosschen heeft, dat er geen water is te vinden; het is omdat een onvoorzichtige ontwouding al sinds jaren de bergen heeft
+beroofd, dat nu de bronnen niet meer vloeien en de rivieren droog zijn. Geen bosschen zonder water en geen water zonder bosschen,
+dat is een waarheid, welker miskenning den treurigen toestand heeft verwekt voor den landbouw, waaronder het land nu zoozeer
+lijdt, en waaraan het thans zoo moeilijk is, doeltreffend een einde te maken, zooals ik later nog gelegenheid zal hebben,
+in het licht te stellen.
+
+</p>
+<p>Maar de trein is weer vertrokken; het land wordt dadelijk weer kaal, terwijl het dal breeder wordt; we komen in de vlakte
+van Argos, beheerscht door de kale bergen, die over den weg heen hangen; nog enkele minuten en daar is het station Phyktia-Mycene,
+waar het rijtuig mij wacht, dat ik uit Nauplia heb laten komen.
+
+</p>
+<p>In Griekenland wil het gebruik, dat als men een voertuig huurt, het zij een wagen, een paard of een muildier, dat men dan
+met den koetsier of geleider een, wat men noemt, symphonie sluit, die daarin bestaat, dat het programma van den rit wordt
+vastgesteld, dat de prijs tusschen de beide partijen wordt besproken en dat men het eens is geworden, wat nooit het geval
+is zonder lange beraadslagingen. Als die symphonie is gesloten, houdt de Griek zich er angstvallig aan, al is hij anders niet
+juist bekend om de stiptheid waarmee hij zich houdt aan eenige afspraak. Hij zal wel op het oogenblik, dat de prijs wordt
+vastgesteld, trachten zooveel mogelijk voordeel te trekken van de kans, die zich hem biedt, maar hij zou zich schamen, wanneer
+hij na afloop van den rit een enkele lepta te veel vroeg. Het moet echter erkend, dat hij zich schadeloos stelt bij de ongeoefende
+toeristen, die onvoorzichtig genoeg zijn geweest, niet vooraf een contract met hem te sluiten, en dat hij er geen bezwaar
+in zal zien, hen twee- of driemaal de waarde van den rit te doen betalen. Ze zullen op dat oogenblik natuurlijk nog kunnen
+protesteeren, maar het zal hun moeite kosten een afslag te krijgen, gelijk aan wat ze zouden hebben gedaan gekregen, als ze
+vooraf hadden geaccordeerd.
+
+</p>
+<p>Natuurlijk zorg ik wel, geen inbreuk te maken op den algemeenen regel, en volle vijf minuten besteed ik in den brandenden
+zonneschijn aan het verdedigen van mijn belangen met al de scherpte, waartoe mij de nog zeer rudimentaire toestand van mijn
+kennis van het Nieuw-Grieksch in staat stelt. Eindelijk wordt mijn reiszak opgeladen, en een half uur later kom ik te Kharvati,
+waar ik zal ontbijten. Ik heb zelden iets ellendigers gezien dan dat droevige gehucht met zijn huizen van gedroogde aarde,
+waar enkele vrouwen in lompen zitten te weven aan primitieve weefstoelen, waarop ze grove katoenen stoffen vervaardigen. De
+herberg deelt in de algemeene sjofelheid; onder het groote strooien afdak, dat de algemeene zaal slecht beschut tegen de brandende
+zon, woelen zwarte varkens in het vuil; binnen zitten eenige dorpelingen aan een waggelende tafel; de gewitte muren zijn gescheurd,
+een vloer is er niet, en er hangt een keukenlucht van schapevet, die iemand allen eetlust moet benemen.
+
+</p>
+<p>Ik verheug mij, dat ik te Korinthe v&oacute;&oacute;r mijn vertrek wat mondkost heb meegenomen, want het menu bestaat slechts uit een soort
+van soep, waarin vettige vezels drijven in een bruin en schuimend vocht. Voor niets ter wereld zou ik dat gerecht willen proeven,
+en ik stel mij tevreden met mijn koud gerecht, dat ik besproei met den harsgeurigen wijn, door het huis verstrekt. Toen ik
+de eerste maal dat vocht proefde, dacht ik waarlijk, dat men mij bij vergissing een medicijn voorzette. Het was te Delphi
+het vorige jaar, waar ik in het gezelschap was van een lid van onze school van Athene, die al aan Griekenland gewend was,
+en zich wel wachtte mij te waarschuwen. Het was mij, of ik terpentijn dronk. De beginselen van de wijnfabricage zijn in Griekenland
+nog zoo weinig bekend, dat men, om den wijn eenige jaren te kunnen bewaren, in het vat een stuk hars werpt, dat er een afschuwelijken
+smaak aan geeft. Vooral de roode wijn, dien de Grieken mavro crassi noemen of zwarten wijn, heeft allen natuurlijken smaak
+verloren door de rare toevoeging en krijgt iets scherps, dat zich voegt bij de zwaarte, die aan de zuidelijke wijnen eigen
+is. Voorwaar het is geen pretje, zulk een drank, die zelfs niet de verdienste heeft versch te zijn, in die warmte in een vuile
+herbergkamer te moeten drinken, en ik twijfel eraan, of de oude Grieken, voor wie het druivennat nectar was, zoo weinig kieskeurig
+zijn geweest, om hun gehemelte, aan goede en lekkere dingen gewend, te onderwerpen aan de proef van dezen harswijn, die mij
+al tot de minst wenschelijke nieuwigheden schijnt te behooren, door het moderne Griekenland ingevoerd.
+<a id="d0e243"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e243">147</a>]</span></p>
+<p>Een honigkoek van den Hymettus vormde het dessert. Ik herinner mij, dat toen ik in de eerste tijden van mijn verblijf te Athene
+naar de zoo zuivere lijnen van dien berg keek, waar zoo weinig plantengroei te zien was als in de oneindige woestijn, dat
+ik toen verbaasd mijzelven afvroeg, wat er voor de bijen wel te halen mocht zijn op die verlaten hoogten, waar de wandelaar
+slechts naakte rotsen ziet zonder eenige struik of bloem. Ik zocht al sedert lang naar de oplossing van dat raadsel, toen
+ik in een gesprek toevallig hoorde, dat die beroemde honig eenvoudig perenstroop was, waar de bijen niets of zoo goed als
+niets mee te maken hadden. Maar ik wil liever blijven gelooven, dat de Hymettus van de Oudheid werkelijk bloemrijk was en
+dat de bijen er een ruimen oogst van suikerhoudend sap konden vinden, want anders zouden de dichters, die den berg hebben
+bezongen, en wat zijn ze talrijk geweest, hun verbeelding de perken te buiten hebben laten gaan.
+
+</p>
+<p>Terwijl ik mijn maal besluit, nieuwsgierig aangekeken door het kind van den huize, dat met de beide handen op den rug v&oacute;&oacute;r
+mij bleef staan met wijd geopende oogen, zijn er nog een paar liefhebbers van de bruine soep binnen gekomen en jagen de vogels
+weg, die puffend van de hitte, een schuilplaats zijn komen zoeken onder de wankele tafeltjes. Er komt geen geluid van buiten,
+behalve nu en dan een ongeduldigen voetstap van een der paarden van mijn rijtuig, door een beest gestoken; de stoffige weg
+brandt, en op het veld schroeien enkele magere grassprietjes. Wat zal het hier zijn in den tijd van hoogsten zonnestand, als
+het in de lente er reeds niet is uit te houden van de hitte als in een fornuis?
+
+</p>
+<p>Vastbesloten, mij niet door de indolentie te laten overweldigen, geef ik mijn koetsier een wenk, die al brommend, want het
+is middag en dus het uur van rust, met zijn span het brok muur verlaat, waarachter hij wat schaduw had gezocht. En weer zijn
+we op weg naar Mycene.
+
+</p>
+<p>Pas zijn we de laatste huizen van Kharvati voorbij, of de weg loopt door een kloof van indrukwekkende schoonheid. We hebben
+rechts van ons een diep ravijn met de ru&iuml;nen van een brug uit den Cyclopentijd, terwijl rondom ons hooge, steile rotsen zich
+verheffen, zoo steil, dat ze onmogelijk op hun hellingen genoeg aarde kunnen vasthouden, om nog zoo&#8217;n kleinen boom te kunnen
+voeden. Daar vertoonen zich veel grijze steenen en puin en iets wat op fondamenten gelijkt. Het zijn de ru&iuml;nen van de eigenlijke
+stad, die in het smalle dal zich uitstrekte, waar ik nu ben. De stad werd verdedigd door een lijn van muren, waarvan nog overblijfselen
+te zien zijn op de bergen links en langs het verdroogde riviertje. Op den achtergrond, tegen den berg geleund, in een echten
+kring van rotsen, aanschouw ik eindelijk de vervloekte stad, rood in het licht der ondergaande zon.
+
+</p>
+<p>Dit tooneel van de duistere heldendaden van het geslacht der Atriden heeft wel een decoratie, die erbij past, en denkend aan
+de verschrikkelijke drama&#8217;s, hier afgespeeld, herinner ik mij plotseling, bij Edmond About te hebben gelezen, dat hij diep
+was getroffen geweest door de overeenkomst, bestaande tusschen het stroeve karakter van de woeste streek en de herinneringen,
+die rondwaren op deze plaatsen van sombere verschrikking.
+
+</p>
+<p>Sedert de geruchtmakende opgravingen van den heer Schliemann dertig jaren geleden, is de aandacht der archeologische wereld
+meer en meer op Mycene gevestigd geworden, op de goudstad, zooals Homerus haar noemde. Men heeft zoo goed losgemaakt wat er
+restte van de bouwwerken der acropolis, dat de toeschouwer zich werkelijk een zeer heldere voorstelling kan maken van het
+leven in die lang vervlogen tijden. Ziehier eerst de prachtige cyclopenmuren, gemaakt van enorme blokken van meer dan een
+kubieken meter, en op elkander gestapeld tot een hoogte van zes meter. Ze omringen met hun imposante massa de beroemde Leeuwenpoort,
+met den driehoekigen steen, waarop ruw twee leeuwinnen zijn gehouwen, die tegenover elkaar op een zuil leunen. Daardoor treedt
+men de vesting binnen.
+
+</p>
+<p>Terstond begeef ik mij naar de agora, een cirkelvormig terrein met nog de concentrische rijen steenen banken, waar de leden
+van den raad der grijsaards plaats namen, die zoo dikwijls in de Ilias worden genoemd, en onder welks grond de graven zijn
+ontdekt. De weduwe van den heer Schliemann, die ik persoonlijk te Athene heb gekend, was nog diep ontroerd, toen ze mij van
+die opgraving vertelde. Toen de deksels der sarcophagen werden opgelicht, zag men geraamten, geheel bedekt met bladgoud, maskers
+van goud om de schedels, gebeeldhouwde rustingen, sieraden van de fijnste bewerking, schitterende diademen, en er ging een
+gevoel van onbeschrijfelijke geestdrift door de aanwezigen. Mocht men niet bezweren, dat men in de tegenwoordigheid was van
+de graven van Agamemnon en zijn lotgenooten in het ongeluk, volgens de overlevering in de acropolis begraven? Die hypothese
+heeft veel voor, en al zou ze worden betwist, toch blijft het gewicht van deze mooie ontdekking even groot en maakt van de
+zaal van Mycene in het museum te Athene een der schitterendste archeologische verzamelingen uit Europa.
+
+</p>
+<p>Over de treden van een monumentale trap aan den ingang van het paleis van den koning der koningen, betreed ik een ruimte,
+waar nog de resten van een ronden haard zijn te zien. In deze ruimten zijn de bloedige tragedies afgespeeld, die door niets
+in gruwelijkheid kunnen worden overtroffen en die mij op dit oogenblik met aangrijpende duidelijkheid voor den geest komen.
+Met het hoofd vol oude homerische herinneringen, vermengd met gedachten aan mijn schooljaren, ga ik weer door de Leeuwenpoort,
+begeerig om nog, eer ik Mycene verlaat, de koepelgraven te zien, die buiten de vesting zijn opgericht, waarvan er een, naar
+men zegt, het lijk van Clytemnestra bevatte, die niet waardig werd gekeurd, om te rusten binnen de omheining, die door haar
+was onteerd.
+
+</p>
+<p>Wat vaststaat is, dat die koninklijke graven, die in de nabijheid zijn aangelegd, van veel later datum zijn dan die uit de
+acropolis. Het merkwaardigste er onder, bekend onder den naam van den Schat van Atreus, is naar het zeggen van de aanvallers
+van den heer Schliemann niet anders dan het echte graf van Agamemnon. Het is ver van mij, partij te willen kiezen in deze
+oudheidkundige vraag, die niet <a id="d0e262"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e262">148</a>]</span>tot mijn competentie behoort, en waarvan de oplossing in den eenen of den anderen zin niet toe of af doet tot het zeer wezenlijke
+belang van dit grafmonument. Een mooie laan, geopend langs de helling van den berg en door muren omringd, geleidt naar de
+poort van de onderaardsche ruimte; zoodra ik die ben doorgegaan, bevind ik mij in een prachtige zaal in den vorm van een bijenkorf,
+twaalf tot vijftien meter hoog en verwonderlijk goed onderhouden. De steenen, die op elkaar waren gezet, zijn daarna uitgehold,
+tot men de gewenschte bocht kreeg, en vervolgens werden in de openingen tusschen de steenen een zeker aantal kleine, spitse
+steenen gestoken, om aan het geheel de noodige stevigheid te schenken. Thans bestaat dit bouwwerk bijna drie duizend jaren,
+en ik weet niet, dat het ooit een reparatie heeft noodig gehad. Zou men hetzelfde kunnen zeggen van de gewelven onzer kathedralen
+of van andere bouwwerken, die nog moderner zijn en die zoo dikwijls verscholen zijn achter steigers, voor den teleurgestelden
+toerist het eenige, wat hij te zien krijgt?
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-148.jpg" alt="Bergkloof bij Mycene." width="720" height="514"><p class="figureHead">Bergkloof bij Mycene.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Een tweede zaal, kleiner en lager, eenvoudig in de rots uitgehouwen en totaal donker, diende als grafkamer, terwijl de groote,
+die rijk versierd was, de offeranden bevatte, alsook de wapens en de sieraden van den doode. Juist dezelfde schikking vindt
+men terug in een ander van die koepelgraven, op enkele minuten afstands van het zooeven beschrevene en dat gewoonlijk het
+graf van Clytemnestra wordt genoemd, veel minder goed bewaard dan het eerste, en waar men slechts vrij onbeduidende voorwerpen
+in heeft aangetroffen.
+
+</p>
+<p>Ik ben nu aan het einde van het bezoek aan deze in nevelen gehulde en prehistorische stad; nog eenmaal omvat ik met den blik
+alle steile rotsen met hun vergeeld gras. Overal vertoont het zaaisel zijn kracht in enkele donkergroene plekken; groote uitgestrektheden
+katoenboomen en korenvelden, die al goudkleurig zijn, wisselen af met tabaksvelden; de citadel van Argos steekt in de vlakte
+vooruit op haar rotskaap; de cyclopische massa van Tirrhyns springt alleen naar voren uit de gele velden, en heel in de verte
+ziet men Nauplia en zijn witte huizen, met schaduw overtogen door de rots van Palamedes, die, van hier uit gezien, door de
+steile helling gelijkt op de rots van Gibraltar, en eindelijk in de verte de blauwe golf, waar lichte zeilen zich op vertoonen.
+
+</p>
+<p>De weg is stoffig, en de hagen aan de zijden zijn geheel wit; op de velden is het druk, want het oogenblik is reeds gekomen,
+waarop haver en rogge moeten geoogst. Boerinnen gaan voorbij met de kruik van roode aarde op den schouder; de sierlijke beweging
+van den arm, die lichtelijk is gebogen, doet de vormen van haar lichaam onder de lichte bedekking goed uitkomen. Met haar
+korte rokjes en op de bloote voeten, gaan ze drinken brengen aan de arbeiders op het land, lachend om het stof, dat ze opjagen
+en om den wind, die in de laatste oogenblikken heviger is geworden en die haar loop vertraagt en haar in het gezicht striemt.
+&#8220;Wees welkom onder <a id="d0e275"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e275">149</a>]</span>ons&#8221;, zoo roept mij een der vrouwen toe met haar helderen blik, &#8220;en kom eens kijken naar het werk der boeren van Argos!&#8221;
+
+</p>
+<p>Er is daar juist een groep mannen bezig niet ver van den weg; het is nog niet laat genoeg op den namiddag, om te weigeren
+aan die onverwachte uitnoodiging te voldoen. Men komt om het rijtuig heen staan, er worden mij warme en vochtige handen toegestoken
+en daar ben ik onder de boeren verzeild, die vertrouwelijk en goedig zijn te midden van de rijpe aren op den grond. Ze hebben
+hier een eigenaardige manier van dorschen; ik had reeds opgemerkt, dat er langs den weg op geregelde afstanden ronde, ruw
+geplaveide plekken waren, en ik vroeg mijzelven af, waar die wel voor mochten dienen. Ik kreeg spoedig een antwoord, toen
+ik mijn vrienden aan het werk zag.
+
+</p>
+<p>Zoodra de halmen zijn afgesneden, gewoonlijk met de sikkel, brengen kinderen ze naar den dorschvloer, waar ze worden uitgespreid.
+Twee paarden, gespannen voor een soort van houten kist vol steenen, waarop, ten einde het gewicht te vermeerderen en ook voor
+amusement, jongens en meisjes zijn gezeten, loopen aanhoudend in een kring rond en dorschen het graan. Als die bewerking is
+afgeloopen moet men, eer een nieuwe voorraad koren op den vloer wordt gebracht, het graan zuiveren van de onreinheden. Om
+dat te doen werpen vrouwen, voorzien van een soort van houten schoppen, het koren omhoog in den wind, en weldra zijn er twee
+hoopen gevormd, de eene van het kaf, dat eraf is gevlogen en een andere van het zwaardere, in de buurt gevallen graan. Het
+is een bewerking, die te verdedigen is, als de wind niet te hevig is, maar als er een frissche bries waait zooals nu, bespeur
+ik, dat een aanzienlijke hoeveelheid wegvliegt en dat de menschen op die wijze een goed deel van hun oogst verliezen. Als
+men bedenkt, dat ondanks de uitstekende hoedanigheid van sommige gronden in Griekenland de opbrengst lang niet is, wat ze
+moest wezen, door de zorgeloosheid en de weinige geldelijke hulpmiddelen, waardoor de boeren er niet toe komen hun gronden
+te verbeteren, dan kan men nagaan, wat ervan terechtkomt na zulk een weinig rationeele behandeling.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-149-1.jpg" alt="Wat er over is van het paleis van Agamemnon." width="692" height="480"><p class="figureHead">Wat er over is van het paleis van Agamemnon.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Maar de tijd is gevorderd onder deze overdenkingen; Argos is thans vlakbij. Daar verrijst de kegelvormige berg van Larissa;
+de wind doet van het witte klooster Panaghia op de helling klokketonen tot mij overkomen, aankondigend, dat Christus is opgestaan,
+terwijl hooger op den berg een frankisch kasteel in puin zijn vervallen kanteelen toont. Aarden muren, gelijk aan die uit
+de oasen van Soedan, dragen platte daken of terrassen. De caf&eacute;&#8217;s uit de hoofdstraat zijn vol menschen; boeren uit de vlakte
+en zelfs uit het binnenland van den Peloponnesus doen er zaken, en daar ze allen nog al heftig zijn, gaat het er luidruchtig
+toe. Maar het is gelukkig veel geraas en weinig wol, en de vuile politieagent, die in zijn blauwe uniform rondwandelt, kijkt
+zelfs niet om, als er aan zijn oor scherpe woorden klinken. Hij weet wel, dat ze naar alle waarschijnlijkheid geen gevolgen
+zullen hebben en dat er altijd nog wel tijd zal wezen, om, als het noodig wordt, een mooi verzoeningsspeechje te houden.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 396px"><img border="0" src="images/p1909-149-2.jpg" alt="Het graf van Klytemnestra." width="396" height="454"><p class="figureHead">Het graf van Klytemnestra.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De eerbied van den Griek voor woorden is slechts te vergelijken met zijn liefde voor de mooie geste; de <a id="d0e295"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e295">150</a>]</span>zinnen van het gewoonste gesprek gaan bij hem altijd gepaard met betoogingen door handen of armen; maar als hij in een twistgesprek
+is of zijn belang moet verdedigen, stijgt die hartstocht voor bewegingen tot het hoogste; het lichaam wordt voorover gebogen,
+de oogen puilen uit hun kassen, en men gaat meenen, dat er een vuistgevecht ophanden is, terwijl een seconde later alles tot
+de grootste kalmte is teruggekeerd. De opwinding heeft een gewonen uitweg gevonden.
+
+</p>
+<p>Veel van die vermakelijke tooneelen doen zich voor terwijl ik door Argos loop, dat nu wel zeer vervallen is van zijn vroegere
+grootheid. Een alleenstaand gebouw, de schouwburg, die aan de stad door de Romeinen werd geschonken, is het eenig overblijfsel,
+dat herinnert aan de rol, die de stad heeft gespeeld. Op de halfvergane treden van dien schouwburg werd indertijd de eerste
+vergadering gehouden, toen in den vrijheidsoorlog het nieuwe koninkrijk gesticht was. Verschanst in de acropolis, hield Ypsilanti
+roemrijk stand tegen het turksche leger, en dat verscheiden dagen achtereen. Argos bewaart die kostbare herinneringen uit
+het mooiste gedeelte van de moderne grieksche geschiedenis als iets kostbaars, en de ligging der stad te midden van een vruchtbare
+streek in de nabijheid der zee moet haar een waarborg zijn, dat er weer tijden van voorspoed zullen volgen.
+
+</p>
+<p>De bergen werpen reeds groote schaduwen over de vlakte, die ik nu in de volle breedte moet oversteken, om van Argos naar Tirrhyns
+te gaan. Twee vermolmde houten bruggen zijn over de bedding der Charadros geslagen en over die van de Inachos, waar nog een
+weinig water in is om dezen tijd van het jaar. Dan passeeren we windmolens, die luidruchtig draaien met hun groote wieken
+en gescheurde zeilen. Die bouwsels schijnen dan toch te zeggen, dat de boeren hun oogst niet naar de vier windstreken laten
+vliegen! Weldra houdt het rijtuig stil onder het afdak van een kleine khani; ik ben aan den voet van de acropolis van Tirrhyns.
+
+</p>
+<p>Deze hoogte, alleen staand te midden van de velden en zich niet hoog boven de vlakte verheffend, ziet er niet zeer indrukwekkend
+uit. En toch was het volgens, de legende hier, dat Menelaus al zijn huiselijk leed ervoer. Terwijl ik door de bouwvallen dwaal,
+door de ruimten, waar het huisaltaar stond, waar de slaven en bedienden woonden in dat oude tijdperk van primitieve grootheid,
+moet ik mijzelven afvragen, hoe de menschen zulke kolossale steenen omhoog hebben kunnen krijgen, door welke hulpmiddelen
+zij ze op elkander hebben kunnen stapelen, en ik ben verstomd van bewondering en verbazing.
+
+</p>
+<p>De wind blaast door de spleten van de steenen en schudt de boompjes, die met hun groene takken de resten overdekken van een
+voor altijd ondergegane beschaving. Mycene rechts van mij is in den nevel bijna niet te onderscheiden; de citadel van Argos
+v&oacute;&oacute;r mij, die van Nauplia links zullen alleen worden verlicht door de laatste stralen van de ondergaande zon, die achter de
+bergen verdwijnt; een gevoel van onbestemde somberheid en melancholie vervult mijn gemoed; het is of het gehuil van den wind
+een klaagtoon is van al, wat hier gestorven is in den loop der eeuwen. Het is mij, of de grootsche stem der natuur protesteert
+tegen de tegenwoordigheid van den vreemde hier in deze doodenstad van reuzen, wier eeuwigen slaap men niet moet storen. Ik
+haast mij om uit dit neerdrukkende groote verleden weer voeling te krijgen met mijn tijdgenooten, en met een echt kinderlijke
+vreugde hervind ik in de khani den trouwen amaxa, die mij terug zal brengen naar Nauplia.
+
+</p>
+<p>Een offici&euml;ele landbouwschool, gesticht door Capo d&#8217;Istria, die hier goed ter plaatse is te midden van de vruchtbare alluviale
+landerijen, ligt aan onzen weg. Ik wenschte voor Griekenland, dat men erin slagen mocht, geslachten van kundige boeren er
+te kweeken, die voor goed zouden breken met de verouderde methoden, waar ik staaltjes van heb gezien. Maar ik durf het niet
+vast te gelooven; de school bestaat al meer dan zeventig jaren en ik vraag mij af, welk onderwijs de leerlingen, die er zijn
+opgeleid hebben genoten en hoe ze het in practijk hebben gebracht.
+
+</p>
+<p>Nu komen de moerassige terreinen, grenzend aan de diepte van de Golf; de weg, omzoomd met mooie platanen, loopt langs de zee;
+Nauplia, in verdiepingen opgestapeld op de rotsen van den heuvel Itsch-Kal&eacute;, kijkt in de vlakte van Argos; hoorngeschal klinkt
+uit het fort Palamedes, dat, half gevangenis, half kazerne, als een zwaar blok boven ons hangt. Wij gaan door den ringmuur
+der stad en dan door een doolhof van straatjes, vol modderpoelen, waar mijn rijtuig met totalen ondergang wordt bedreigd en
+bereiken eindelijk de haven en het vreemdelingenhotel. Uit de vensters van de eetzaal bespeur ik de Golf, welker water nu
+paars is, terwijl een lichtrose tintje nog op de bergen hangt van Arcadi&euml;. De wind is bijna geheel gaan liggen, en de laatste
+booten met witte en roode zeilen van verschillenden vorm, komen de eene na de andere aanleggen aan de kade, waar reeds, in
+afwachting van den nachtdienst van Paschen, de heele wereld van Nauplia tusschen de blauwe uniformen der officieren van het
+garnizoen heen en weer wandelt.
+
+</p>
+<p>En terwijl ik mij vermaak met de gezellige drukte, merk ik op, dat de mannen in het algemeen, voor zoo ver ze tot het volk
+behooren, de roode fez dragen en de lage muilen. Er zitten er ook naast mij, die kalm de narghil&eacute; rooken, die hun wordt gebracht
+geheel klaar, zooals men in Europa de vertering brengt; anderen laten met de oogen in het vage de grove kralen van den rozenkrans
+door de vingers glijden, die in het Oosten zoo algemeen is, en welke machinale beweging meer een tijdverdrijf schijnt dan
+een werkelijk gebed.
+
+</p>
+<p>De nacht is warm en helder; de klok van een kerk begint te luiden met versnelden pas; daar antwoorden andere met scherper
+of doffer klanken, en het is een vreemde cacophonie, waarin zich zoo nu en dan de zware tonen mengen van het carillon der
+kathedraal. Christus is opgestaan, en de menigte vult de kerken. Ik ging binnen in die van den Heiligen Geest, waar Capo d&#8217;Istria
+verraderlijk werd vermoord en maakte, als iedereen, het teeken des kruises met de aaneengesloten drie voorste vingers van
+de rechterhand, achtereenvolgens gebracht naar het voorhoofd en naar de borst ter rechter en ter linker zijde. Het heilige
+is als in alle byzantijnsche kerken gescheiden van het overige gebouw door een wand, bedekt met vrome platen, die door de
+geloovigen worden gekust <a id="d0e313"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e313">151</a>]</span>onder aanhoudend maken van het teeken des kruises; in het midden staat het altaar, overgoten van licht en zichtbaar door een
+getraliede poort. De koorzangers zingen psalmen zonder begeleiding; ze zijn als de priesters in een lang zwart gewaad gekleed
+met hoog opgestoken haren onder de hooge cylindrische muts.
+
+</p>
+<p>Maar daar komt de priester in zijn met goud geborduurd misgewaad; zijn lange baard en zijn spierwitte haren omringen het patriarchengelaat
+met de zachte en toch mannelijke trekken; hij zingt langzaam enkele woorden, en de menigte knielt met het gelaat tot den grond
+gebogen. Toen, terwijl het koor een litanie begint, die mij treft door haar grootschheid, worden de kaarsen aangestoken in
+de handen der geloovigen; daarboven in den toren worden de klokken heftig bewogen; dit is het plechtige oogenblik; de deur
+van het koor wordt geopend, de pope verschijnt in al zijn waardigheid met een gevolg van geestelijken op den drempel: &#8220;Broeders,&#8221;
+zegt hij met bevende stem, &#8220;Christus is opgestaan, Christos anesti!&#8221; Dadelijk vallen de geloovigen elkander in de armen en
+kussen elkaar op het voorhoofd, terwijl ze met het koor meezingen het Paaschhalleluja. Buiten maken de voetzoekers lawaai,
+vensters worden met bengaalsch vuur verlicht, en de vreugde zal den ganschen nacht duren.
+
+</p>
+<p>Die kreet van &#8220;Christos anesti&#8221;, die door heel Griekenland vandaag weerklinkt, wekt mij vroolijk te Nauplia, zoodra deze mooie
+Paaschmorgen is aangebroken. De kellner van het hotel heeft terstond behoefte, zijn geestdrift te uiten. De menschen omhelzen
+elkaar allen onder de begroeting met dezelfde formule.
+
+</p>
+<p>Een officier uit Athene had mij een brief van aanbeveling meegegeven voor een van zijn kameraden te Nauplia, opdat ik toegang
+zou kunnen krijgen tot de kazerne en de traditioneele Paaschfeestelijkheden zou kunnen bijwonen. Eer ik mij naar hem toe begaf,
+werp ik een blik op den obelisk aan de haven, opgericht ter herinnering aan den daadwerkelijken steun, dien Frankrijk aan
+Griekenland verleende in de epische tijden van den vrijheidsoorlog. Het moge waar wezen, dat de Grieken babbelachtig en oppervlakig
+zijn, ik merk toch met genoegen op, dat ze niet vergeten, en dat ze in hun geheugen de namen bewaren van een Fabvier en een
+Maison. En nadat ik dan door de breede, goed geplaveide straat heb geloopen met de rijen mooie platanen, kom ik in een labyrinth
+van nauwe straten, waar uithangborden met gevleugelde leeuwen aan de venetiaansche overheersching herinneren, terwijl een
+huis met een door sierlijk traliewerk afgesloten balkon de turksche regeering voor den geest roept.
+
+</p>
+<p>Het fort Palamedes, dat ik natuurlijk moest bestijgen, is alleen toegankelijk van den kant der stad. Een duizendtal treden,
+in de rots gehouwen tusschen cactusstruiken door, voeren naar de wallen der citadel. Van een torentje uit, dat letterlijk
+over de huizen van Nauplia heen hangt, bewonder ik een oogenblik het prachtig panorama aan mijn voeten. Op het binnenplein
+der kazerne dansen de soldaten, en het feestrumoer der stad klinkt tot hier door. Daarachter het schiereiland <span id="d0e323" class="corr" title="Bron: Itsch-Kal&egrave;">Itsch-Kal&eacute;</span>, dat de haven beschermt tegen den zeewind. Door de plechtigheid van het Paaschfeest ben ik verhinderd geworden, om de noodige
+stappen te doen ter verkrijging van de machtiging tot een bezoek aan de citadel; niet, dat ze zoo ingewikkeld zijn, maar de
+plaatsbureau&#8217;s waren dezen morgen verlaten, en ik heb den dienstdoenden officier niet te spreken kunnen krijgen. Ik bekijk
+het kasteel dus van den buitenkant. Het is door de Franken gebouwd, versterkt door de Venetianen en voorzien van zeven redoutes,
+waarvan twee de onverwachte namen dragen van Miltiades en Themistocles. Mijn blikken bleven lang hangen aan de duizelingwekkende
+steilten, afdalend naar de zee, waar in de diepte het eiland Spezzia lag, terwijl tegenover mij Arcadi&euml; gloeide in de zon
+en rechts de groene vlakte van Argos zich ontrolde naar de dorre eenzaamheid van Mycene.
+
+</p>
+<p>Eindelijk begaf ik mij naar beneden en vond in de kazerne de officieren en de soldaten nog bezig met de toebereidselen van
+het Paaschmaal. Er brandden op het plein groote vuren, waar lammeren in hun geheel op werden gebraden. Een groote stok, door
+hun lichaam gestoken, rustte op twee kruiselings staande stokken, geplant in de aarde aan weerszijden van het vuur, en een
+soldaat deelde aan het primitieve toestel een zacht draaiende beweging mee, terwijl de anderen hem aanmoedigden met gezang,
+en met welbehagen onderwijl de geuren opsnoven van het gebraad. De tafels zijn klaargezet onder groene pri&euml;elen, waar aanstonds
+de maaltijd zal beginnen. Behalve het lamsvleesch, het hoofdgerecht, bestaat het menu uit harde eieren, brood en sinaasappelen,
+alles besproeid met den harsachtigen wijn, waarvan ik zonder smaak een glas drink op de gezondheid der soldaten. De officieren
+meenen zeker, dat ik dien drank afschuwelijk moet vinden, maar ze kunnen op mijn gezicht geen enkel teeken van afkeuring lezen,
+en ze lachen er om op een manier, die mij niet weinig amuseert.
+
+</p>
+<p>Den volgenden morgen werd ik door een telegram naar Athene en mijn werk teruggeroepen; maar eenige maanden later was een gelukkige
+samenloop van omstandigheden de oorzaak, dat ik een week verlof kon krijgen voor een nieuwen tocht naar het Zuiden van den
+Peloponnesus. Het seizoen is gunstig, om een reis van dien aard te ondernemen; niets wijst er nog op, dat de herfst nabij
+is, maar de drukkende warmte van Juli heeft plaats gemaakt voor prachtige Septemberdagen, zonnig en helder en op deze breedte
+nog lang en warm, zoodat men zich in den vollen zomer kan denken. Ik was enthoesiast over het vooruitzicht, niet langer voor
+eenige dagen het scherpe stof van Athene in te ademen; ik droom van groene wouden, waar beekjes murmelen, ik verlang naar
+de koelte, naar de zuivere lucht, die ik in vier maanden niet heb genoten en die ik hoop te vinden eerst op de zee en dan
+in het eenzame bergland.
+
+</p>
+<p>Mijn licht bundeltje is dan ook spoedig gesnoerd; verscheiden blikjes, die vernuftig ter plaatse kunnen worden warm gemaakt,
+insectenpoeder, een paar geneesmiddelen, die men moeilijk ontberen kan in warme landen, zijn met het strict noodige, een deken
+en de getrouwe kodak, de lijst van mijn hebben en houden.
+
+</p>
+<p>Ik kom aan den Piraeus, waar de &#8220;Aphrodite&#8221;, <a id="d0e334"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e334">152</a>]</span>een boot van de Panhelleensche Maatschappij, naar Marathonisi gaat vertrekken. In de buurt van de eetzaal aan boord heerscht
+evenals op de &#8220;Haghios <span id="d0e336" class="corr" title="Bron: Nicolaos">Nikolaos</span>&#8221;, die mij vroeger naar Korinthe bracht, een walgelijke geur, en, de kooien zien er al even weinig aanlokkelijk uit. Het zou
+wel kunnen zijn, dat ik mij van nacht aan lastige gevechten zal moeten wijden. Het is hier zoo vuil, dat ik mij afvraag, of
+het dek wel ooit wordt schoongemaakt, terwijl een blik in de keuken genoeg is, om iemand allen eetlust te benemen.
+
+</p>
+<p>En ik zal hier achttien uren moeten blijven! Wij zouden om elf uur in den morgen van den Piraeus vertrekken, maar het werd
+twaalf uur. De kapitein verzekerde mij, dat we een prachtigen overtocht zouden hebben. Trouwens de zeeziekte verontrust mij
+niet erg.
+
+</p>
+<p>Daar roept de bel de passagiers naar de eetzaal. Ik moet mee aan tafel, hoe weinig animeerend ook de keuken hier is door het
+gebruik van schapevet. Na verloop van een half uur kan ik eindelijk op dek gaan, om daar den namiddag door te brengen. Reeds
+wordt Aegina kleiner door den afstand en laat ons van dezen kant zijn steile wanden zien, bedekt met een donkeren plantengroei.
+Boeren zijn op het voorschip ge&iuml;nstalleerd, sommigen zittend op veelkleurige koffers, anderen op ruwe dekens van roode wol;
+een van hen zingt onder begeleiding van een rustieke luit volksliedjes; en de anderen praten over de kleine gebeurtenissen
+van hun leven, steeds onder het aflezen van hun rozenkrans.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-152-2.jpg" alt="Een byzantijnsch kerkje." width="700" height="501"><p class="figureHead">Een byzantijnsch kerkje.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Bij het vulkanisch schiereiland Methana dringt de &#8220;Aphrodite&#8221; binnen in de nauwe doorgang, die Poros van Argos scheidt, waar
+de oranje- en citroenboomen beschut zijn door het prachtige scherm van de bergen. Er worden toebereidselen gemaakt voor een
+landing in het stadje, dat schilderachtig op de rotsen is gelegen en waar het eerste maritieme arsenaal van het jonge koninkrijk
+werd gevestigd. Booten, overvol met menschen, komen naar ons schip in groote wanorde. Pas zijn de passagiers en de goederen
+overhaast aan boord gebracht, of de schroef zet zich weer in beweging, terwijl ieder een plaatsje zoekt, door de vertrekkenden
+open gelaten. Het zal intusschen niet voor lang zijn, want deze menschen gaan naar het eiland Hyera, dat zich al gauw vertoont,
+als we om kaap Skyli zijn gevaren, die aan den oostkant de uiterste punt van den Peloponnesus vormt.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-152-1.jpg" alt="Nauplia en kaap Itsch-Kal&eacute;." width="572" height="401"><p class="figureHead">Nauplia en kaap Itsch-Kal&eacute;.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Een uur later gaan we Spezzia in open zee voorbij aan den ingang van de golf van Nauplia; die haven is met Salamis de voornaamste
+oorlogshaven, maar ze kunnen beide niet wedijveren met de groote oorlogshavens. Het was een heerlijke avond aan boord, en
+het gezang van de eenvoudige lieden uit het volk wiegde mijn gedachten aangenaam in zoete rust. Een poging om beneden slaap
+te vinden liep op niets uit, en al spoedig was ik weer aan dek, om daar den morgen af te wachten.
+
+<a id="d0e357"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e357">153</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-153.jpg" alt="Ru&iuml;nen van het oude Misthra." width="720" height="514"><p class="figureHead">Ru&iuml;nen van het oude Misthra.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De dag brak aan, toen we de golf van Marathonisi voorbijvoeren en den steven naar het Noorden wendden, om tegen acht uur aan
+de moderne kade van de gelijknamige stad te landen. Daar word ik aan wal gezet en wandel dadelijk de stad uit naar een weg
+over de rotsen langs de zee, waar ik de &#8220;Aphrodite&#8221; een laatsten groet kan brengen, zooals ze daar voor anker ligt achter
+in de baai; de hoeven van het muildier slaan luide op de steenen, terwijl de schoenen van den agoyaat en van den gendarme,
+van voren opgewipt als een voorsteven van een schip, zacht voorschuiven. De brave militair ziet er niet bar uit in zijn vuilblauwe
+uniform, en ik moet onderweg meermalen denken, dat, als ons iets overkomt, zijn tegenwoordigheid mij van weinig nut zal zijn.
+Er worden mij, sinds ik in Griekenland ben, zooveel verhalen verteld van den moed der inwoners van dit land, dat ik ge&euml;indigd
+ben met er niet veel van te gelooven en te denken, dat er weinig durf onder hen is en dat in het bijzonder degenen, die mij
+vergezellen, wel in staat zouden zijn, om in geval van gevaar met den vijand te heulen. Voor het oogenblik stellen ze zich
+tevreden met het zingen van een lied; om beurten heffen ze een couplet aan, en dat zal zeker wel duren tot bij kaap Matapan.
+Dus heb ik alle gelegenheid, zwijgend het prachtige land te bewonderen, dat we zijn binnengaan.
+
+</p>
+<p>Een afgevaardigde naar de volksvertegenwoordiging, de Mavromichalis, die reeds meermalen minister is geweest en die te Athene
+een geziene staatkundige positie bekleedt, had mij dikwijls aangeraden deze reis te doen; hij zei mij, dat de bewoners van
+dit smalle schiereiland vreemde gewoonten hadden behouden in hun woeste schuilhoeken en dat ze verdienden, dat men hen beter
+leerde kennen. Toen ik dan ook besloten was, te gaan, zocht ik den heer Mavromichalis op, toen minister van Binnenlandsche
+Zaken, en hij kondigde mijn reis niet enkel aan de autoriteiten aan, maar moedigde zijn partijgenooten aan, mij vriendelijk
+te ontvangen. Ik stelde die daad te meer op prijs, omdat de gesprekken, die ik met den staatsman had gehad, mij voldoende
+op de hoogte hadden gebracht van de sociale toestanden in het zonderlinge land.
+
+</p>
+<p>De Mainoten, die zich de rechtstreeksche afstammelingen noemen van de Spartanen die voor de barbaren vluchtten, hebben van
+die vermeende voorvaderen het onbuigzame karakter en de strenge zeden. Ze hebben krachtig weerstand geboden aan de Turken,
+die hen nooit hebben kunnen onderwerpen. Al den tijd van de ottomaansche overheersching was er een aristocratie van familiehoofden,
+zooals de Mavromichalissen, die tegenwoordig in hun salons te Athene de reeks hunner voorvaderen in de kleeding der Palikaren
+vertoonen, en betwistten elkander het bergland in een onophoudelijken strijd, bestaande in vendetta&#8217;s, roof- en moordpartijen.
+Toen we door het kleine dorpje Mavrovoeni reden, merkte ik op, dat <a id="d0e369"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e369">154</a>]</span>enkele huizen van schietgaten zijn voorzien. De mannen kijken mij aan met een trotsch en vijandig voorkomen.
+
+</p>
+<p>Al spoedig hebben we het riviertje de Vardoenia achter ons gelaten, en op den Passaheuvel bespeur ik de overblijfselen van
+een kasteel, dat oudtijds bestemd was, de aanhoudende opstanden in het land te beteugelen, dan een ander, waar niemand zich
+vertoont, en we verlaten de nabijheid der zee, om aan zijn voet het voorgebergte af te snijden, dat in kaap Pagania uitloopt.
+Tusschen kleine eiken en wat heidekruid loopt de weg, en aan alles is te merken, dat de streek weer armer wordt.
+
+</p>
+<p>In de schaduw van een niet uitgegroeiden den houden we stil en ik gebruik een vluchtig ontbijt, terwijl mijn oog rust op de
+ingesneden toppen van den Taygetos, wijkend naar het Zuiden nu onder den naam van Kako Voeni, dat is &#8220;slechten berg&#8221;. En inderdaad
+dit is een somber land, een opeenhooping van steile rotsen onder de brandende zon, met hier en daar kloven en afgronden, waarboven
+arenden en gieren zweven. Den geheelen namiddag volgden we de hellingen van dit reusachtige en woeste bergland, waarbij we
+slechts twee of drie dorpen passeerden, arme gehuchtjes eigenlijk, en door afgelegen kloven gingen met een dicht struikgewas
+en vele donkere grotten. Het gevoel van eenzaamheid komt over mij; ook mijn metgezellen loopen zonder spreken voort. Het begint
+duister te worden, als we Lagia passeeren, en aan de zee is het volkomen nacht. Zij schittert, waar ze tegen de rotsen slaat
+in het koude licht der maan, en met een gevoel van echte verlichting bereik ik tegen zeven uur in den avond de eerste huizen
+van Porto-Quaglio.
+
+</p>
+<p>Terwijl de agoyaat bezig is een onderkomen te zoeken voor het muildier, en de gendarme naar zijn collega&#8217;s is gegaan, stap
+ik de zaal binnen van de herberg, waar het lekker ruikt naar gebraden kwartels. We waren juist in den tijd van den vogeltrek,
+waarbij dit geurige wild, dat hier overvloedig is, komt uitrusten op de uiterste punt van Europa, eer het zijn vlucht neemt
+naar Egypte. Ik profiteer dankbaar van de gelegenheid; eenige harde eieren en de onvermijdelijke harswijn, waaraan ik trouwens
+reeds gewoon raak, voltooien het geurige maal, en dan ga ik opzoeken wat met een stoutmoedig euphemisme mijn bed zou kunnen
+worden genoemd, een eenvoudige houten krib, goed voorzien van stroo. Maar het kan mij weinig schelen, de vermoeienissen der
+beide laatste dagen zijn zoo groot geweest, dat een diepe slaap, niet door eenig onaangenaam gesteek afgebroken, dadelijk
+mijn oogleden sluit.
+
+</p>
+<p>Om zes uur in den morgen wacht mijn muildier mij reeds, geheel gezadeld, aan de deur van de eenvoudige herberg te Porto-Quaglio,
+waar ik den nacht heb doorgebracht. Ik haast mij, het zadel te bestijgen. En terwijl de schuine stralen der zon reeds de ontmantelde
+kanteelen van het kasteel vergulden, dat de stad beheerscht, rijd ik den chaos binnen van de granietbergen aan kaap Matapan;
+omgevallen menhirs, grotten en holen, waar de zee bruisend binnen dringt, en een sterke reuk van wier en zeegras in de holten
+tusschen de zwarte rotsen. Het rijden is moeilijker geworden door de hevigheid van den wind, die den voet der gesteenten met
+schuim omzoomt; daar is eindelijk het uiteinde van het donkere voorgebergte, waar de zeemeeuwen met groote, witte vleugels
+hun doordringend geschreeuw doen hooren.
+
+</p>
+<p>De verlaten zee heeft overal witte koppen, en het kleine kapelletje &#8220;ton hagion Asomaton&#8221;, dat tegenwoordig op de plek staat
+van het beroemde heiligdom, gewijd aan Neptunus, schijnt te hangen boven een donkeren afgrond. En als ik mij verwijder, geheel
+onder den indruk van de grootsche doodschheid van deze plaatsen, die getuigen waren van zooveel zeerampen, maakt mijn agoyaat,
+wiens gevoelens met de mijne schijnen samen te stemmen, devotelijk een kruis, met oogen vol afschuw.
+
+</p>
+<p>Een uur later is opnieuw de voet van de landengte bereikt, en langs een verschrikkelijk moeilijk voetpad stijgen we weer langs
+de westkust omhoog, en gaan in de richting van kaap Grosso, die den horizon afsluit met haar hoogen marmeren muur. Deze strook
+lands, ingesloten tusschen de zee en de gekanteelde toppen van den Taygetos, is het merkwaardigste deel van het land der Mainoten,
+een streek, bedekt met lage struiken en myrten, waar het strand overal kleine kreken vertoont en veel rotsachtige kapen vol
+holen, plaatsen, waar de zeeschuimers hun buit verborgen. Het zijn door de zon geroosterde bergen, met veel woeste kloven,
+waar zich, hangend boven afgronden, verborgen in de groeven tusschen het gesteente, arme dorpjes verschuilen, echte arendsnesten,
+schuilplaatsen van roovers, het tooneel van vendetta&#8217;s met bloed en tranen, en geboorteplaatsen van helden.
+
+</p>
+<p>Overal ziet men versterkte kasteelen en torens met kanteelen, pyrgoi geheeten, voorzien van schietgaten. Het verbaast mij
+nu niet langer, dat het een dergelijk land is gelukt, door de eeuwen zijn volkomen onafhankelijkheid te bewaren, en dat men
+er thans nog de oorspronkelijke woestheid van land en bewoners aantreft. Alles verraadt die bij de Mainoten, vanaf den trotschen
+trek van hun magere gezichten, omlijst door wapperende haren en met een langen knevel, waarboven de oogen fonkelen, tot de
+plechtige manier van loopen, de groote physieke kracht en de wijze, waarop ze de wapens dragen, die ze nooit afleggen. Te
+Kyparisso, te Alika, in alle dorpen die ik doorreis, kijkt men mij vast aan, zonder nieuwsgierigheid, zooals een man zijns
+gelijke aanziet, en dat is iets, waar mijn reizen mij niet aan aan hebben gewend, sedert ik in Griekenland ben.
+
+</p>
+<p>Wij houden stil om te ontbijten aan den rand van die groote hoogvlakte, die zich uitstrekt van de kaap tot den voet der bergen,
+en terwijl ik mijn blik laat weiden over het azuur van de golf van Koroni, in de verte eindigend in kaap Gallo, die met haar
+zusters, kaap Matapan en kaap Mal&eacute;e de laatste vormt van de drie vingerspitsen dier grove hand, die de Peloponnesus is, herinner
+ik mij alles, wat de heer Mavromichalis mij heeft verteld van zijn woeste kiezers. Ze zijn dapper en trouw en hebben opgehouden,
+onder elkander, zooals ze eertijds deden, bloedige gevechten te leveren; maar de politieke strijd neemt nog onder hen een
+zoo heftigen vorm aan, dat men zich midden in een barbaarsch land waant, zoodra de tijd der verkiezingen is genaderd. In hun
+wezen rebellisch, <a id="d0e387"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e387">155</a>]</span>wars van alle gezag, verdragen ze slechts met moeite het stelsel van den verplichten militairen dienst, en de afstammelingen
+van die helden uit den vrijheidsoorlog hebben de grootste moeite, zich te schikken naar de tucht, hoe weldadig die ook zij,
+van het regiment. Met den geest nog vol van het heidensch bijgeloof, gelooven ze aan de godheden van de zee, aan die Nere&iuml;den,
+die hun holen en grotten bewonen, aan de orakelspreuken, door de rookende ingewanden van dieren gegeven, en als er een der
+hunnen sterft, laten ze nooit na, onder in zijn doodkist, met proviand voor de sombere reis, ook het kleine geldstukje te
+leggen, dat Charon van hen zal eischen aan den oever van de Styx.
+
+</p>
+<p>Hun zeden hebben de oude zuiverheid behouden, en de deugd der vrouwen is enkel te vergelijken bij haar strenge schoonheid.
+De overspelige vrouw wordt gedood door haar man, en haar medeplichtige wordt door het volk met den dood gestraft. Wee dengene,
+die de vrouwen hier te nadrukkelijk aanziet, wee hem, die een jong meisje compromitteert! Hij moet haar onmiddellijk trouwen
+en als hij verdwijnt, zonder de zaak in het reine te brengen aan het eind van de enkele weken, die de gewoonte hem toestaat,
+is het met het ongelukkige kind gedaan, dat door de ouders koelbloedig wordt gedood, liever dan dat ze haar schande haar laten
+overleven. En zou men zich hier niet in de tijden van het oude Sparta terugdenken, als men de moeders gevoelloos en met wilde
+gebaren ziet in de tegenwoordigheid van de lijken van haar bij de vendetta&#8217;s gedoode zoons, als die laatste niet in de borst
+zijn getroffen?
+
+</p>
+<p>Als ik dan ook, na Pyrgos te zijn voorbij gereisd, in den laten namiddag aan de poorten van Areopolis kom, waar de geheele
+bevolking met den burgemeester aan het hoofd is samengeloopen, om mij welkom te heeten, en die brave lieden meen te moeten
+doen begrijpen, dat ik als een goed Franschman hun edel en trotsch karakter bewonder, dat ik een vijand ben van list en leugen,
+eindig ik mijn toespraakje, dat ik met behulp van het woordenboek zorgvuldig had voorbereid, met de geheiligde formule: &#8220;Evcharisto,
+adelphoi, zito Areopolis! Dank, broeders, en leve Areopolis!&#8221; Toen weerklonken er eindelooze kreten en toejuichingen, roode
+mutsen vlogen in de lucht, er werd geestdriftig in de handen geklapt, het kruit liet zich hooren, en de scherper stemmen van
+de vrouwen, die ik op mijn woord slechts tersluiks heb aangekeken, mengen zich onder die der mannen, en duizendmaal herhaald
+klinkt het vol enthousiasme: &#8220;Zito o Gallos, zito i Gallia! Leve de Franschman, leve Frankrijk!&#8221;
+
+</p>
+<p>Men ziet, dat de afgevaardigde uit de streek, meer nog dan de minister van Binnenlandsche Zaken, het is geweest, die mijn
+doortocht heeft aangekondigd, want ik kan geen voet verzetten, zonder dat oogenblikkelijk een sympathiek gestemde menigte
+op mij toesnelt; men ziet mij nieuwsgierig aan; in de herberg, waar ik ben binnengegaan, om een glas ouzo, nationalen brandewijn,
+te drinken en eenige olijven te gebruiken, zie ik de kinderen lachen en elkander aanstooten, toen ik in uitstekend Grieksch
+om kaf&eacute; kai loucoumia vraag, de geparfumeerde olijven, die lang niet zoo lekker zijn als die uit Konstantinopel.
+
+</p>
+<p>Het is overal ongewoon druk; groepjes in feestkleedij verzamelen zich aan de deuren; de vrouwen hebben haar beste kleeding
+aangetrokken, haar boezelaars, met schitterende kleuren geborduurd, haar witte tunica&#8217;s of de lange mantels zonder mouwen,
+die de armen laten zien en een gedeelte van de borst; ze hebben het hoofd bedekt met mutsjes, waar gouden versierselen op
+zijn aangebracht, meestal in penningen bestaande, op de borst dragen ze allerlei zilveren en koperen sieraden, en om den hals
+is een lange gazen sluier geslagen.
+
+</p>
+<p>De mannen in de fustanella, schitterend van witheid, hebben hun cr&ecirc;mekleurig buis aangehouden en de pantoffels met de rozetten
+van blauwe wol, de vesten vol bonte arabesken en de gordels, waar degens en patroontasschen aan hangen; of wel ze hebben gele
+laarzen van leder aangedaan, met gouden figuren bestikt, die passen bij de versierselen van hun overkleed. Er wordt mij verteld,
+dat een notabele gisteren zijn dochter heeft uitgehuwelijkt; naar grieksche gewoonte is de pope laat in den avond aan het
+huis der bruid gekomen, waar een voorloopig altaar is opgericht; driemaal is de trouwring van de hand des bruidegoms aan die
+van het jonge meisje gestoken; ze hebben van hetzelfde brood gegeten en uit hetzelfde glas gedronken, om aan te duiden, dat
+voortaan alles voor hen gemeenschappelijk moet zijn, en, gekroond met oranjebloesem, zijn ze om het altaar heengegaan, gevolgd
+door de bruidsmeisjes en de bruidsjonkers, terwijl de priesters en de ouders, geknield in een kring, over de jonggehuwden
+de zegeningen des hemels hebben afgesmeekt. En de bevolking heeft aan het feest deelgenomen; ze is naar het hoogste deel der
+stad gegaan, waar er schapen voor hen geslacht zijn geworden en waar wijn en confituren zijn uitgedeeld; er is toen den geheelen
+nacht gedanst op de tonen van allerlei liederen.
+
+</p>
+<p>Een rijstsoep, die nog al lekker is, olijven in pekel en een stuk rhalva, soort van honingkoek met saffraan en anijs, vormen
+het menu van het uitstekende maal, dat mij op een hoekje van een wankele tafel wordt voorgezet door een zeer mooi meisje van
+het land, wier haren, sierlijk in het midden gescheiden, op de schouders hangen. En dan word ik naar mijn kamer gebracht,
+ditmaal in het geheel niet van een bed voorzien, en waar dit meubel, dat men voor onontbeerlijk zou houden, is vervangen door
+wat stroo, op den grond uitgespreid. In mijn deken gewikkeld en doodop door de afschuwelijke duwen en stooten, waarop mijn
+muildier mij zoo ruimschoots had getracteerd op de plaatsen waar de wegen slecht waren, denk ik er slechts aan, nieuwe krachten
+in te zamelen, om even dapper als vandaag de groote vermoeienissen van morgen te verdragen.
+
+</p>
+<p>Reeds om vier uur opgestaan, want ik moet ten einde des avonds in Sparta te zijn, vijftien uren per muildier rijden, verlaat
+ik het gastvrije plaatsje Areopolis, en terstond aan de zee den rug toekeerend, begin ik de hellingen van den Taygetos te
+bestijgen, waar een diepe insnijding mij een weg door zal banen naar Marathonisi. Voor de laatste maal groet ik het schoone
+land, dat mij zulke nieuwe en schoone indrukken heeft gegeven en verdwijn in de woeste kloof, waar ik afwisselend eikenboschjes
+tref, hooge rotsen <a id="d0e403"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e403">156</a>]</span>aan steile afgronden, voetpaden, die nauwelijks te onderscheiden zijn in het rotspuin, en bergwanden, die wonderlijk mooi
+verlicht zijn en in trotsche majesteit verrijzen. Zoo bereik ik het dorp Karyopolis en zijn ellendige hutten, in het bergland
+verloren. De menschen hier loopen in lompen, en ik vraag mijzelven af, waar ze van leven op dezen grond, waar de bebouwbare
+lagen ver te zoeken zijn. Maar ik heb geen tijd, een economisch probleem te doorgronden; nog een paar inzinkingen en daar
+is de zee weer, daar is het dal van de Vardoenia en spoedig daarna Marathonisi.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 428px"><img border="0" src="images/p1909-156-1.jpg" alt="Misthra met de oude cypressen." width="428" height="621"><p class="figureHead">Misthra met de oude cypressen.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Het is tien uur; ik neem, niet zonder eenige ontroering, afscheid van mijn braven ga&iuml;doeri en mijn beide metgezellen, die
+natuurlijk bij de gewisselde handdrukken een toespraakje houden. En op een anderen muilezel, geleid door een nieuwen agoyaat,
+begeef ik mij enkele oogenblikken later weer op weg naar Sparta en het dal der Eurotas.
+
+</p>
+<p>Gytheion vertoont op twee tweelingheuvels zijn wankelende stukken muur tot aan den rand van den weg, die nauw wordt ingesloten
+tusschen de zee en de bergen. Niet ver van daar springt een bron, waarvan het gemurmel over de steenen mij heerlijk toeschijnt.
+Het is in Griekenland zulk een zeldzaam schouwspel, dat ik er mij een poosje ophoud, om mijn door de heete middagzon gloeiend
+hoofd af te koelen, terwijl de agoyaat een rietstengel afsnijdt, om er een fluitje van te maken. Dan volgt het in puin liggende
+fort Khaki-Skala, en dan begint de weg de hellingen van den Taygetos te bestijgen, namelijk het voorgebergte Vardoeno Khoria,
+waar de Eurotas, die uit de vlakte van Sparta komt, zich een weg doorheen moet banen.
+
+</p>
+<p>Weldra onttrekt een eerste pas Marathonisi aan ons oog en we gaan verder met stijgen door boschrijk bergland, van waar de
+vlakte van Helos te overzien is en waar Cytherae zich aan den zuidelijken horizon vertoont. Nog een laatste stijging, en bij
+het dorp Levetzova begint de daling naar de vlakte van Sparta, die daar voor mij ligt in een goudgeel waas van rieten daken.
+Een rij laurieren en platanen wijst den loop van de <span id="d0e416" class="corr" title="Bron: Enrotas">Eurotas</span> aan, die hier en daar fonkelend straalt langs den prachtigen muur van den Parnon, terwijl de hooge keten van den Taygetos
+zijn reeks van indrukwekkende toppen tegen de lucht afteekent.
+
+</p>
+<p>Hoewel de zon snel begint te dalen, is het in de diepte van de kom ondragelijk warm; de bleeke olijven, de vijgeboomen en
+de moerbeiboomen met hun donker groen, dat ongelukkig onder een laag stof schuil gaat, de oranje- en citroenboomen, met gouden
+vruchten beladen, omringen de velden, waar reeds het zaaisel voor het volgend jaar is uitgestrooid. Dit is Laconi&euml;, een mooie
+en rijke provincie met veel landbouw, waar sierlijke dorpen zich in het groen verbergen en op den achtergrond waarvan zich
+in den vallenden avond achter de acropolis van Amyclae de heuvels van Sparta in flauwe omtrekken vertoonen, waar ik eindelijk
+om acht uur in den avond aankom, uitgeput van warmte en vermoeienis.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-156-2.jpg" alt="Sparta&#8217;s stille straten en de Taygetos." width="660" height="422"><p class="figureHead">Sparta&#8217;s stille straten en de Taygetos.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Door tuinen omringd, liggen de witte, lage huizen van de moderne stad, die door koning Otto in den loop van zijn kortstondige
+regeering werd gesticht, <a id="d0e428"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e428">157</a>]</span>tegen een heuvel aan, waar broodboomen en heide den grond bedekken. Ze waren reeds verdroogd door de zon, wat ik opmerkte
+toen ik den volgenden morgen een tocht ondernam door de breede, rechte en eentonige straten aan den voet van den kolossalen
+Taygetos. Groote zwarte cypressen, ook al weer onder een laag stof, rezen er ten hemel. Onder luifels etaleerden de winkels
+van den bazar op gevlochten rietmatten de mooie vruchten van Laconi&euml;, meloenen en fluweelige vijgen, en boeren, gekleed in
+een lang, rood gewaad, met een koord om het midden, loopen af en aan onder het gehinnik van hun paarden, de sandalen door
+touwen vastgebonden aan hun gebronsde enkels. Ik ontmoet vrouwen in ruime hemden, met mooi, laag voorhoofd, energieke kin,
+en terwijl ik moet erkennen, dat ze waard zouden wezen door haar physiek de afstammelingen te zijn der oude Spartanen, kom
+ik over een grasvlakte bij de plek, waar enkele overblijfselen de plaats der antieke stad aanduiden; resten van graven, fondamenten
+van muren, ru&iuml;nen van een schouwburg, die naar de strenge wetten van Lycurgus alleen bestemd was voor lichaamsoefeningen.
+Hier, beweert men, is het overblijfsel van Leonidas&#8217; graf, het stadion, waar de jongelieden zich in wedloopen oefenden, en
+wat verderop, een door de Eurotas gevormd eilandje, waar de rivier zich splitst, een boomgroep, waar de moderne Lacedemoni&euml;rs
+hun openbare wandelplaats hebben aangelegd. Het is de Platanistas, waar men onder het oog der grijsaards oudtijds de kinderen
+sloeg, om ze aan pijn te gewennen, waar de jongelieden elkander geregelde gevechten leverden en zonder een klacht in den dood
+gingen. En ik bereik weer de nieuwe stad door moerbeiboschjes en denk aan al die ruwheid uit het verleden, aan de woeste geestkracht,
+die hier aan den dag werd gelegd, aan die ruwe zeden, die aan de Spartanen, met de verachting van den rijkdom, tevens een
+diepe minachting inboezemden voor de onsterfelijke kunstwerken.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-157-1.jpg" alt="Op een eilandje in de Eurotas." width="653" height="429"><p class="figureHead">Op een eilandje in de Eurotas.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Tegen tien uur moet ik op het oogenblik, dat de warmte verstikkend wordt, door het dal trekken, om mij eerst naar Misthra
+te begeven en dan door den Taygetos naar Messeni&euml; te dalen. Daar de wegen over de bergen, naar het schijnt, niet volkomen
+veilig zijn, hebben de autoriteiten mij nog een gendarme meegegeven, wiens nietig uiterlijk niet geschikt is om mijn gevoel
+van veiligheid te vergrooten; daarentegen is mijn agoyaat een stevige vent en tevens door onze &#8220;symphonie&#8221; ook een goede verdediger.
+Hij heet Christo, zooals zoovele van zijn mannelijke landgenooten, die, als ze dezen voornaam niet dragen, stellig antwoorden
+op dien van Georgi, Janni of Panayotti. En al pratend met twee metgezellen, die zonder gewetensbezwaar en dat nog wel voor
+een vertegenwoordiger van het gezag, de boomen van hun vruchten berooven, komen we in een uur aan den voet van de majestueuse
+keten bij het tegenwoordige dorp <a id="d0e437"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e437">158</a>]</span>Misthra, gekroond door de indrukwekkende ru&iuml;nen van de middeleeuwsche stad.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-157-2.jpg" alt="Mooie plantengroei aan de Eurotas." width="676" height="458"><p class="figureHead">Mooie plantengroei aan de Eurotas.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Een catastrofe schijnt den berg over zijn geheele lengte te hebben gescheurd, en de diepe kloof, die de Grieken &#8220;langada&#8221;
+noemen, daalt in een chaos van rotsen van schitterende kleuren. Vrouwen zitten voor haar armoedige huisjes, het hoofd bedekt
+met een zwarten sluier, die ze op religieuses doet gelijken; ze spinnen in stilte, en heffen slechts even de oogen op om ons
+te zien voorbijgaan. De helling van Meso-Khori is weldra bestegen, en we houden stil in de schaduw van prachtige platanen,
+waar een van die kleine turksche fonteinen onder springt, die zoo dichterlijk zijn en waar het water te midden van arabesken
+te voorschijn komt, om zachtjes neer te vallen in een steenen bekken, dat geheel vochtig is van iriseerende droppels. Ik kan
+een kreet van bewondering niet weerhouden; v&oacute;&oacute;r mij, zeer hoog op de bergen, liggen trapsgewijze en in een driehoek de ru&iuml;nen
+van het oude Misthra, het frankische, door Villehardouin gesticht, die vorst van Morea, de plaats, die om beurten daarna turksch
+of venetiaansch is geweest en eeuwen lang de hoofdstad van Laconi&euml; was. Die stad der kruisvaarders, die sedert de schepping
+van het koninkrijk verlaten werd voor het moderne Sparta, maakt nu een droefgeestigen indruk van verval onder het weemoedig
+toezien van haar drie oude cypressen, die reeds de getuigen waren van haar oude grootheid.
+
+</p>
+<p>En door nauwe straatjes, die als trappen zich door tuintjes kronkelen, tusschen boogvormige arcaden door en binnenpleinen,
+waar in het natte gras schildpadden slapen, klim ik omhoog tot de oude kerk van Pantanassia, met de sierlijke zuilengalerij
+en met in het inwendige een nis, waar de fransche leli&euml;n boven zijn gehouwen. Daar zijn kleine gothische gebouwtjes en een
+grooter bouwwerk met hoogen gevel, door den tijd verweerd en voorzien van talrijke vensters. Dat is het paleis van Villehardouin
+met zijn gekanteelde torens en struikgewas aan den voet, waar reptielen zich ophouden. Ik blijf nog stijgen, tot ik eindelijk
+de citadel bereik, omgeven door versterkte muren, waarbinnen veel puin ligt en waar waterreservoirs zijn aangebracht. Alles
+is thans in de stad uitgestorven, die daar aan mijn voeten ligt in de ru&iuml;nen, en alleen de wilde duiven, die in de verlaten
+ruimten rondvliegen, zetten leven bij aan de indrukwekkende eenzaamheid.
+
+</p>
+<p>Op een sarcophaag gezeten, van waar ik de groene vlakte van Sparta kan overzien, die door de groote schaduw van den Taygetos
+wordt getroffen, denk ik terug aan de verre tijden, toen onze voorvaderen over het land regeerden; ik roep de herinnering
+aan onze beschaving op, die ik hier, ver van het vaderland, terugvind in de bogen, de latijnsche kruisen, de leli&euml;n; ik vergeet
+de byzantijnsche wereld, om door tijd en ruimte te gaan tot den tijd van onze Middeleeuwen, welker hero&iuml;sme vol edelmoedigheid
+geschreven staat op alle steenen van de ineenstortende stad. Daar op eens begint de klok van de oude metropool, overblijfsel
+van de grieksche stad, die ook al vervallen is, nadat ze gebouwd was op het oudere puin van het kasteel onzer voorvaderen,
+te klinken; een priester treedt uit het aartsbisschoppelijk paleis en achter hem verdwijnen eenige vrouwen in de kerk, gelijkende
+op groote, zwarte vogels, dwalend tusschen de graven.
+
+</p>
+<p>Nu haast ik mij naar beneden, telkens struikelend over verbrokkelde wapenschilden, waar de hagedissen hun zonnebad nemen,
+en ik treed de kerk binnen, terwijl het gebed bijna is afgeloopen. Ik bezie een oogenblik den groenen koepel, de ruwe fresco&#8217;s
+aan de wanden en de oude grieksche opschriften, die uit de veertiende eeuw afkomstig zijn, en toen ik opnieuw den drempel
+overschrijd, verblind door de felle helderheid van het licht, voegt de geestelijke zich bij mij en zegt: &#8220;Sto kalo, wees gezegend!&#8221;
+en wenkt mij, want het kost mij moeite zijn dialect te begrijpen. Hij voert mij mee tot aan het oude aartsbisschoppelijk paleis,
+dat dicht in de buurt is, en waarvan de muren de sporen dragen van de turksche verovering.
+
+</p>
+<p>Die lagere grieksche geestelijken, die maar zoo weinig onderwijs hebben genoten ondanks de pogingen en de milde giften van
+den rijken Rhizaris, ontzeggen zich door te trouwen den toegang tot het episcopaat. De niet gehuwde monnikken worden dus tot
+bisschoppen en aartsbisschoppen benoemd, en de arme pappa&#8217;s leven daar te midden van hun onbeteekenende schaapjes in voortdurende
+onwetendheid. Nauwelijks hun godsdienst kennend, niet in staat de dogma&#8217;s er van te verklaren, onopgemerkt door den staat,
+die hen niet betaalt, zijn ze wel genoodzaakt om, ten einde in de behoeften van hun gezin te voorzien, uit alles geld te slaan.
+Sommigen drijven handel, andere doen aan landbouw, allen speculeeren op de lichtgeloovigheid van het publiek of laten zich
+hun diensten zoo duur mogelijk betalen. En zoo ontmoet men dikwijls de bleeke broeders met hun donker cylindervormig hoofddeksel,
+hun lang zwart kleed en de haren in den nek tot een wrong opgestoken, wandelend zonder eenig prestige onder groote parapluies,
+die hen tegen de zonnehitte beschutten.
+
+</p>
+<p>Mijn pappa uit Misthra maakt geen uitzondering op den regel, in geen enkel opzicht. Zijn vrouw, een grove boerin, zeker nog
+onwetender dan hij, gaat opstaan bij ons binnentreden, kust haar man de handen en trekt zich bescheiden terug, alsof het niet
+bij haar rang zou passen, bij ons plaats te nemen. Maar ze treedt een oogenblik later weer binnen met een pot bessengelei,
+waarin wij ieder op zijn beurt ons houten lepeltje moeten steken, om dan een glas te vullen met helder water, dat mij wel
+zoo gepast lijkt bij deze temperatuur dan het gesuikerde hapje, dat eraan voorafging.
+
+</p>
+<p>Na enkele oogenblikken van een nog al traag vloeiend gesprek, wil ik mijn gastheer voor zijn gastvrijheid bedanken en, de
+gewoonten van het land kennend, laat ik een cadeau van enkele drachmen in zijn hand glijden. Men moet aannemen, dat de offerande
+hem niet onwelgevallig is, want ik begrijp uit de woorden, die onder een stroom van dankbetuigingen schuilgaan, dat hij mij
+nog wel eens weer tot gids wil dienen. Het helpt niet, of ik hem al zeg, of liever hem toeschreeuw, want hij praat veel en
+luistert slecht, dat mijn bezoek is afgeloopen en dat ik mijn muildier weer ga opzoeken, om mijn weg te vervolgen, wat ik
+reeds op het punt was <a id="d0e458"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e458">159</a>]</span>te doen toen ik hem ontmoette, hij wil niet hooren, en, mij bij den arm nemend, sleurt hij mij naar buiten en herhaalt onophoudelijk:
+&#8220;Pantanassia, Pantanassia!&#8221; Ik moet er mij wel in schikken, hem te volgen naar het kerkje, dat ik zooeven al heb gezien en
+waarvan hij mij in bijzonderheden de merkwaardigheden verklaart; daarna treden we het naburige klooster binnen, waar mij het
+graf van keizerin Theodora wordt getoond, de vrouw van Constantijn Palaeologus, den laatsten byzantijnschen keizer. Maar dat
+alles wekt veel minder mijn belangstelling dan het voorkomen van de oude frankische stad, waar ik de herinnering aan onze
+voorvaderen terugvind; de spraakzame pappa vindt die beleefd ook interessant en laat mij eindelijk vertrekken, mij overladend
+met zijn zegeningen.
+
+</p>
+<p>En nu begint de bestijging van de Taygetostoppen; in plaats van dien avond in Trypi te slapen, waar we in een uur marcheerens
+kunnen wezen, heb ik besloten, op raad van mijn agoyaat en na een verzoek te hebben gericht tot den demarch of burgemeester
+van Sparta, die mij volkomen veiligheid heeft gewaarborgd, den nacht in de bergen door te brengen te midden van de herders.
+Weldra verdwijnt de heuvel van Misthra, en we bereiken tegen drie uur de huizen van het dorp, die hun roode daken verbergen
+onder prachtig, donker cypressenloof. Aan alle zijden borrelen bronnen in de rotsen, en ik geniet een heerlijk welbehagen
+na de hitte van de vlakte, nu ik de koele frischheid mag voelen. Vrouwen wasschen haar linnen aan den rand der beken, en ik
+denk aan de echtgenooten der homerische helden, handig in de huishoudelijke plichten, maar met wie deze dames slechts heel
+in de verte verwant zijn.
+
+</p>
+<p>Maar daar gaapt aan een voetpad onder meidoorns in den berg een wonderlijk hol. Dat is de langada van Trypi, in welker nabijheid
+men de plaats heeft meenen te herkennen van de kloof van Caeadas, waar de oude Spartanen de misdadigers in wierpen evenals
+de krijgsgevangenen. En inderdaad van een voorgebergte boven den afgrond, kijk ik neer in een spleet tusschen de rotsen, en
+de bodem schijnt er niet anders te zijn dan een opeenhooping van menschenbeenderen en stof. Een heftige indruk van afschuw
+doet mij die lugubere plek ontvluchten, en langs een steenachtigen weg, die den loop van de Trypiotiko volgt, daal ik af in
+het aangrenzend ravijn.
+
+</p>
+<p>Plotseling verdwijnt de zon en de koude wind der hoogten slaat mij onaangenaam in het gezicht. Ik moet een warmer jas aantrekken
+daar tusschen de kale, roode rotsen, die er dreigend uitzien. Van Trypi af was de weg steeds gestegen; nu hadden we het hoogste
+punt bereikt, om dan weer tot de oppervlakte van het water te dalen. Christo waarschuwt mij, dat ik moet afstijgen, want dat
+het pad gevaarlijk begint te worden. Inderdaad lagen er groote marmeren steenen, glibberig en vuil, waar men licht zou kunnen
+uitglijden en in den afgrond storten. Terwijl ik langzaam voortloop, houdt de agoyaat den teugel van het muildier vast, terwijl
+de gendarme den staart pakt, en het arme dier, zoo opgehouden, loopt met moeite, dikwijls uitglijdend en een massa steenen
+in de diepte werpend.
+
+</p>
+<p>Ik heb werkelijk het gevoel, dat de dood van nabij dreigt, en met een gevoel van groote verlichting bereik ik eindelijk de
+bedding van de rivier, waar de weg overheen leidt, om aan den rechteroever weer te stijgen. Maar de kalmte zou niet lang duren.
+Terwijl de Trypiotiko hoe langer hoe meer onder ons wegzinkt, gaan we steil omhoog langs de rots, die ten laatste zoo ver
+over de kloof heen hangt, dat wij het geluid van den onstuimigen stroom zelfs niet meer hooren. Nu eens stijgend, dan dalend
+langs dien gevaarlijken weg, gaat het verder, tot tegen zes uur toen de schemering valt, we de rivier terugvinden, die nu
+kalmer vloeit tusschen mooie platanen. De kale toppen boven ons, roodgekleurd door de ondergaande zon, komen mij voor als
+een booze droom. Daar klinkt een woedend geblaf niet ver van ons, en twee groote, zwarte honden storten zich op onze karavaan.
+Christo en de gendarme maken een beweging, alsof ze met steenen willen gooien, en dat is voor het oogenblik voldoende, om
+die wilde beesten in bedwang te houden, die verbazend woest kunnen zijn en die ik wel heb zien bijten in de steenen, naar
+hen toegeworpen, of ze van woede met hun bek weer in de lucht heb zien opgooien. Op hun achterpooten zittend en gereed om
+op ons aan te vliegen, als we naderbij komen, maken die honden een geluid, dat in het oneindige door de rotsen wordt weerkaatst.
+De aandacht der herders, die in de buurt zijn, wordt eindelijk getrokken en daar verschijnen eenige bergbewoners; op hun bevel
+houdt het geblaf op, en Christo treedt alleen naar voren, om te onderhandelen.
+
+</p>
+<p>Waarlijk, die menschen zien er niet aantrekkelijk uit. De groote bruine mantel, dien ze over hun schouders dragen, hangt tot
+op de vroeger witte slobkousen, die met een zwarten kouseband worden opgehouden. Hun gebruind gezicht verdwijnt onder een
+ruwen baard; enkelen van hen hadden lange haren, die rondom hun mutsen en petten uitstonden; allen leunden op den langen,
+gebogen stok als een bisschopsstaf, dien ze altijd bij zich hebben, en keken mij dreigend aan. Eindelijk was er een overeenstemming
+getroffen en we begaven ons op weg naar het kamp, ditmaal ge&euml;scorteerd door de honden, die schijnen te begrijpen, dat wij
+nu burgerrecht hebben verkregen. Al spoedig wordt het schijnsel van een vuur onder de boomen zichtbaar; we gaan een landelijke
+omheinde ruimte voorbij, waar de schapekaas, die er wordt bereid in vaten van geiteleer, een afschuwelijken stank verspreidt,
+en komen eindelijk tegenover een reeks verblijven, die van een vlechtwerk van bladeren zijn opgetrokken en waar de vloeren
+met dennetakken zijn belegd.
+
+</p>
+<p>Die herders zijn een ware plaag voor de boomen in Griekenland, die ze brutaal exploiteeren en waarvan hun schapen de jonge
+spruitjes nuttigen. De bijl en het vuur doen geleidelijk heele bosschen verdwijnen, die mogelijk door een nauwlettender toezicht
+gespaard hadden kunnen blijven. Hier is de eerste oorzaak van de ontwouding, die de droogte en de dorheid veroorzaakt, waar
+het land zoozeer onder lijdt. Men moest die lieden doen begrijpen, dat hun eigen belang meebrengt, dat ze de boomen eerbiedigen,
+dat het onvoorzichtig is, ze te vroeg te vellen, hun zonder noodzaak <a id="d0e472"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e472">160</a>]</span>de takken te ontnemen of altijd maar weer onder de bescherming van hun stammen vuren aan te leggen, die ze langzaam sloopen.
+Maar dat is een moeilijk uit te voeren werk, want dit volk is totaal onwetend; men heeft wel getracht, op sommige plaatsen
+nieuw bosch aan te leggen; maar de plantjes, die ondanks de brandende zon en de droogte juist wat op streek begonnen te komen,
+hebben al gauw gediend tot voedsel voor de geiten, en de overige zijn van watergebrek omgekomen. En zoo gaat het van kwaad
+tot erger, terwijl de openbare macht er nog niet in is geslaagd, een middel tegen de kwaal te vinden.
+
+</p>
+<p>Intusschen is het geheel donker geworden. Ik heb mij in mijn hut ge&iuml;nstalleerd, waarvoor een groot vuur brandt; Christo en
+de gendarme hebben zich bij hun nieuwe vrienden gevoegd op eenige schreden afstands en geven hun inlichtingen over mijn persoon
+en mijn reis; de oogen der nu gekalmeerde honden schitteren in de duisternis. Er is v&oacute;&oacute;r mijn hut een flinke hoeveelheid hout
+opgestapeld, opdat ik het vuur zal kunnen onderhouden, dat mij verwarmt, en bij het schijnsel waarvan ik thans mijn maal gereed
+maak. Nu of nooit moet ik een paar van die blikjes nuttigen, die met wat spiritus dadelijk gereed zijn te maken. En terwijl
+ik op mijn kleine verwarmings-toestelletjes een heerlijke portie kalfsvleesch met worteltjes klaar maak, en een niet minder
+smakelijken rago&ucirc;t van schapevleesch, komen de herders naderbij, gaan in een kring om mijn vuur zitten, en een onuitsprekelijke
+verbazing teekent zich op hun ruwe gelaatstrekken. Voor deze halfwilde menschen is het gezicht van mijn vernuftige keuken
+iets geheel nieuws; ze doen uitroepen, vragen, stooten elkaar met den elleboog aan en lachen. Geen enkele mijner bewegingen
+ontgaat hun en altijd worden er lange besprekingen over geopend. Voor mij is die omgeving ook iets vreemds en nieuws, daar
+zoo in de bergen te zijn, ver van alle beschavingsmiddelpunten, met deze roovers, wier oogen op mij gericht zijn door den
+rook en het schijnsel van het vuur heen.
+
+</p>
+<p>Zoodra mijn maaltijd is afgeloopen, gaan de leege blikjes van hand tot hand; ik bied een sigaret aan, waarvan allen gretig
+profiteeren en er begint een gesprek, waaraan ik maar gebrekkig kan deel nemen, zoodat ik allen tijd heb, mijn zonderlinge
+makkers op te nemen, wier gelaat en handen met een dikke laag vuil zijn bedekt. Nu herinnerde ik mij, dat toen ik eens den
+Pentelicon beklom met een atheenschen vriend, wij op den top een herder ontmoetten van het slag van deze lieden, en dat hij
+ons had bekend, dat in zeven jaren, dat hij in de bergen leefde, hij zich nooit gewasschen had. Die man had nog eenige verontschuldiging,
+want het water is schaarsch in de omstreken van Athene; maar wat te zeggen van zijn kameraden van den Taygetos, die, terwijl
+er bronnen in de nabijheid zijn, evenmin als hij de behoefte voelen met het verfrisschende water kennis te maken?
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 309px"><img border="0" src="images/p1909-160.jpg" alt="Op weg naar Porto-Quaglio." width="309" height="383"><p class="figureHead">Op weg naar Porto-Quaglio.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Weldra gaat ieder opstaan, niet zonder mij beleefd een goeden nacht, kale nycta, te hebben gewenscht; ik werp op het vuur
+een nieuwen armvol brandstof, want het is vinnig koud, en Christo heeft mij opgedragen, het niet te laten uitgaan. We hebben
+afgesproken, slechts om beurten te rusten, een maatregel, die gepast lijkt in onze omstandigheden.
+
+</p>
+<p>Ongelukkig komt het uur om te waken nog al vroeg voor mij, en ik merk, toen ik wakker word, dat het meer is gaan waaien; de
+groote boomen om ons heen klagen luid, en de vlammen drijven telkens hun rook in de hut. Er zijn veel onverwachte geluiden,
+en in de bergen hoor ik klagelijk janken. Is het een hond, die de afnemende maan aanblaft, of misschien een wolf, die voedsel
+zoekt? De nacht schijnt mij eindeloos en onze houtvoorraad begint te verminderen. Ik wacht met verlangen den morgen, dien
+ik nooit met zooveel vreugde heb begroet, zoo drukkend is de eenzaamheid.
+
+</p>
+<p>Daar is eindelijk een bleek licht, en omdat ik besloten ben vroeg op te breken, wek ik Christo, die zich haast het muildier
+te zadelen. De herders zijn al op, en de honden zijn aan het spelen, nat nog van den dauw. Ik leg enkele geldstukken in de
+vereelte handen, die mij worden toegestoken, en huiverend in den morgen wind, beklimmen we de hoogte aan het eind der langada.
+Binnen een uur is de top bereikt, juist op het oogenblik dat de roode zonneschijf de transen van den Parnon bestraalt. De
+vlakte, waarin Sparta is gelegen, is nog donker achter ons, terwijl de lijnen van den Taygetos achteruitwijken.
+
+</p>
+<p>De wind blaast als een storm; het is koud en spoedig gaan we verder naar Sitsova, waar we een half uur later aankomen. Bij
+Khania bereiken we de vlakte, waarvan de rijkdom en de vruchtbaarheid wonderlijk afsteken tegen de woeste eenzaamheid van
+den Taygetos. Hier zien we citroen- en oranjeboomen, velden met tabak, waar moerbeiboomen tusschen staan, en eindelijk daagt
+Kalamata voor ons op met zijn door alo&euml;&#8217;s omzoomde tuinen en zijn mooie cactussen. In de straten is het geducht warm, en ik
+veroorloof mij eenige uren van welverdiende rust. Om acht uur in den avond vertrekt de boot naar Athene. Mijn reis is afgeloopen,
+en als de schroef het kalme water begint te slaan in de baai, groet ik voor de laatste maal de zwarte massa van den Taygetos,
+die mij zulke onvergetelijke uren heeft bezorgd.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/o1909-160.gif" alt="Ornament." width="310" height="19"></div><p>
+
+<a id="d0e496"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e496">265</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-265.jpg" alt="De tempel van Bassae, in de verte eenzaam gelegen." width="720" height="350"><p class="figureHead">De tempel van Bassae, in de verte eenzaam gelegen.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p style="&#xA; background: url(images/ie1909-265.gif) no-repeat top left;&#xA; &#xA; padding-top: 60px;&#xA; "><span style="&#xA; float: left;&#xA; width: 95px;&#xA; height: 90px;&#xA; background: url(images/ie1909-265.gif) no-repeat;&#xA; &#xA; background-position: 0px -60px;&#xA; &#xA; text-align: right;&#xA; color: white;&#xA; ">E</span>r is een halfjaar verloopen, sedert ik den nacht heb doorgebracht tusschen de herders van den Taygetos ter hoogte van bijna
+2000 meter boven de zee; de winterregens zijn voorbij en al sinds langen tijd zijn de toppen van den Hymettus en den Parnassus
+van hun licht sneeuwkleed ontdaan en worden in hun kaalheid geblakerd door de warme zon van April. Nu de mooie lentedagen
+zijn teruggekeerd, die zoo helder en vroolijk zijn in dit gezegende Oosten, ga ik opnieuw droomen van heerlijke uitstapjes
+en lange ritten te paard in de dichterlijke eenzaamheid van het bergland.
+
+</p>
+<p>Waar zal ik anders heengaan, nu het continentale Griekenland mij bijna volkomen bekend is, dan maar weer naar dien schilderachtigen
+Peloponnesus, dien ik thans eens wil doortrekken van Korinthe af naar de golf van Kyparissia? En nu treft het, dat juist onze
+gezant te Athene, graaf d&#8217;Ormesson, mijn naaste chef, mij voorstelt, hem op diezelfde reis te vergezellen. Zonder een oogenblik
+te verliezen, maken wij toebereidselen voor een echte expeditie, waaraan ook drie bekoorlijke jonge meisjes zullen deelnemen,
+wier tegenwoordigheid wij met vreugde begroeten, mejuffrouw Yolande d&#8217;Ormesson, mejuffrouw Boulard, haar vriendin, die voor
+eenige maanden in Griekenland vertoeft en mejuffrouw de Cernowitz, dochter van den opperstalmeester van Z. M. Koning George.
+
+</p>
+<p>Wij besluiten, tot Megalopolis, dat midden in Arcadi&euml; ligt, met den spoortrein te gaan, dan per rijtuig Andritsena te bereiken,
+om weer te dalen langs den tempel van Apollo in de omstreken van Kyparissia, waar we den spoorweg weer zullen treffen, die
+ons naar Olympia en Patras zal brengen.
+
+</p>
+<p>Spoedig is alles gereed; de muildieren en rijtuigen wachten ons; de autoriteiten zijn gewaarschuwd, en ons troepje, versterkt
+met een jong schilder van talent, den heer Many Benner, die zonder te vermoeden, dat men hem zou uitnoodigen, deel te nemen
+aan den tocht, zijn opwachting aan de legatie kwam maken, zal zich morgen op weg begeven. De gezant neemt ook nog het factotum
+van zijn huis mee, een zekeren Panayotti, die als tolk moet dienen en nu al in de drie jaren, dat ik hem ken, mij dikwijls
+heeft geamuseerd. Die jongen, die zijn Athene kent tot in de kleinste bijzonderheden, en wiens diensten in dat opzicht werkelijk
+onschatbaar zijn, is wel een volkomen type van den modernen Griek. Babbelachtig en demonstratief, nu eens onrustig en verward,
+dan weer langzaam en lui, ook ietwat geslepen en met zin voor straatslijperij, heeft hij als al zijn landgenooten, een gebruind,
+olijfkleurig teint en een baard, even glanzig, als zijn haren moeten zijn geweest in den tijd, toen hij die schoone kroon
+nog op zijn hoofd droeg.
+
+</p>
+<p>Hij heeft aan het gezantschap geslachten van gezanten en secretarissen elkander zien opvolgen, en nu hij al zoo lang deel
+uitmaakt van het personeel, komt men in de stad er toe, hem een zekere diplomatieke waardigheid toe te schrijven. Het prestige,
+waarmee hij is getooid, belet hem echter niet, nu en dan te vechten met den een of anderen loustro, die zijn verontwaardiging
+heeft gaande gemaakt, en zoo <a id="d0e512"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e512">266</a>]</span>heeft hij al eens kennis gemaakt met het stroo van de gevangenis van zijn land. Maar dat is zoo erg niet; &#8220;Dembirazi!&#8221; zooals
+hijzelf zegt, zich den linker oksel wrijvend, wat hier een teeken is van de grootste onverschilligheid.
+
+</p>
+<p>Men moet hem hartstochtelijk zien disputeeren, hem allerlei fransche woorden hooren gebruiken, die hij niet begrijpt en die
+over elkaar struikelen in zijn mond, zooveel haast heeft hij, of hem zien volhouden, dat hij gelijk heeft, door zijn beide
+armen tegen het lichaam aan te drukken, terwijl de palmen van zijn magere handen, geopend naar den ander toe zijn gekeerd,
+als om het welsprekende woord te ondersteunen of zijn onmacht te betuigen, er nog een woord meer aan te verspillen. Hoe vaak
+heb ik mij vermaakt met naar hem te luisteren en hem over de straatsteenen naar mij te zien toekomen, altijd gedienstig, lachend
+en goedmoedig. En ik denk vandaag, dat het portret te schilderen van Panayotti, tevens is een in beeld brengen van de grieksche
+volksziel, hetgeen voor mij een verontschuldiging inhoudt van mijn vermetelheid, den lezer zoo lang te hebben bezig gehouden
+met dit merkwaardig personnage.
+
+</p>
+<p>Op een van die mooie morgens, waarop de feestvierende natuur den mensch schijnt uit te noodigen, met haar in te stemmen, bereiken
+wij reeds om zes uur het station van den Peloponnesus, terwijl het Parthenon bloost onder de eerste stralen van de zon. Het
+zal warm worden vandaag, en de stad weerklinkt reeds van het geroep der dragers, die in zakken water van Amaroesi te koop
+aanbieden of coecoeria, een soort van kleine, droge koekjes, gewoonlijk bedolven onder het stof en door de menschen in hun
+koffie gedoopt. Toen alle leden der karavaan langzamerhand waren gearriveerd, stapten wij in den trein, waar onze bagage was
+opgestapeld; daar klinken de tonen van een spoorklok, achterblijvers worden aangeroepen; nog wat gefluit, want de grieksche
+treinen hebben heel wat moeite, om op dreef te komen, en daar gaat de optocht heen in een wolk van stoom.
+
+</p>
+<p>Daar is Eleusis weer, en Salamis duikt in de verte op en het witte Megarae; dan de mooie witte kustweg, dien ik vroeger bewonderde
+bij het gaan naar Korinthe en de groote vlakten van steenachtige, roode aarde, waar donkere vlekken zich vertoonen door de
+dennen, doorloopend tot de zee, die zoo blauw is, dat de hemel daarnaast bijna bleek schijnt. Wij stoomen over het kanaal,
+rijden langs de baai met haar sierlijk afgeronde bochten, en na Korinthe een groet te hebben toegezonden, alsook aan de bergen,
+stralend in het licht, verdwijnen we in de kloof, die naar Argos voert. Weldra is de trein in de verstikkend heete vlakte
+en houdt als uitgeput stil bij het station Argos, waar we den tak naar Nauplia zich links laten verwijderen.
+
+</p>
+<p>De spoorweg richt zich dadelijk naar den voet der bergen; er ontspringt een bron uit de rotsen en het stroompje brengt op
+zijn korten weg naar de zee veel molens aan zijn oevers in beweging. Dan krijgen we de moerassige terreinen, waarin de Erasinor
+en de Inachos zich verliezen, hoogoprijzend gras, waar, naar het schijnt, veel wild is te vinden, houten bruggen, die doorbuigen
+onder het gewicht van den trein, tot wij eindelijk aan het zeestrand komen bij het station Myli, het Lerna der Ouden. En terwijl
+we Nauplia bewonderen, dat daar beneden ligt aan de golf, denk ik aan de legenden, die deze plek tot een der beroemdste uit
+de Oudheid maakten, aan dien bekenden vijver, gevormd door de bronnen en beken, die van den berg Pontinos komen, waar Hercules
+een zijner twaalf werken verrichtte en die thans, door het groen omsloten, door de vrouwen wordt gebruikt, om haar wasch te
+spoelen.
+
+</p>
+<p>Weer een illusie, die verdwijnt in de droeve werkelijkheid van het moderne leven! Hoewel al deze moerassen in het geheel geen
+slangen meer herbergen, door helden te bedwingen, is hun nabijheid niet minder gevaarlijk, vanwege de koortsuitwasemingen,
+die eruit opstijgen. En wat buitendien te zeggen van die verschrikkelijke muskieten, die ons beginnen te hinderen? Dit is
+wel een land, waar ik niet graag zou willen wonen; ik heb te Athene te goed de kwellingen leeren kennen van de slapelooze
+nachten en het wreede alternatief, waarin ik mij dikwijls bevond, om of te stikken onder het muskietennet, of dadelijk de
+prooi te worden van den vijand, als het instrument even wordt opgetild, dan dat ik er spijt van zou hebben, dat we niet langer
+blijven op een plek, waar men zooveel moet lijden.
+
+</p>
+<p>De trein vertrekt weer en rijdt langs het haventje, waar eenige kleine bootjes liggen te schommelen, en treedt dan bijna terstond
+het bergland van Arcadi&euml; binnen. Niets dan kale steilten, bedekt met ellendige heide of wild struikgewas. Is dit dan het gelukkige
+land, dat door de dichters werd bezongen? Waar zijn dan de bronnen, de boschjes, het tooneel der herderszangen, de bloeiende
+weiden en de vreedzame bosschen? Nauwelijks vertoonen zich op de hellingen van den Parthenion of den Ktenia, die de dalen
+met hun sombere grijze toppen beheerschen, enkele roeden bebouwden grond; nauwelijks verbergen enkele armoedige huizen hun
+ellende onder oasen van egelantieren, of verlevendigen enkele schapen, die, gehoed door zwaarmoedige herders, mij minder aan
+de helden van Theocritos doen denken dan aan mijn makkers van den Taygetos, vandaag de eenzame plateau&#8217;s!
+
+</p>
+<p>Het landschap blijft hetzelfde, tot we in de vlakte van Tegea komen, een dier te zeldzame en te kleine kommen in den Peloponnesus,
+waar aan landbouw kan worden gedaan. Daar zijn waarlijk velden met bijna rijp koren, wijngaarden, die er goed <span id="d0e528" class="corr" title="Bron: nitzien">uitzien</span>, en boomgaarden, die bloeien en een goeden oogst beloven. Dan nog weer moerassen, die het gevolg zijn van het ontbreken eener
+afvloeiing van de Saranda Potamos, en die met de vochtigheid van Mantinea van deze plaats een der gevaarlijkste centra van
+slechte lucht maken uit het geheele land. De leden van onze School van Athene, die er twintig jaren geleden opgravingen deden,
+weten daarvan mee te praten en moesten meermalen, overwonnen door ziekten, den geregelden gang van hun arbeid staken. Dus
+waren we verheugd, eindelijk te Tripolis te komen, de hoofdstad van de provincie Arcadi&euml;, die tegenwoordig dank zij den spoorweg
+en de goede ligging uit handelsoogpunt een zekere welvaart geniet.
+<a id="d0e531"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e531">267</a>]</span></p>
+<p>Op het perron wemelt het van een schilderachtige en luidruchtige menigte menschen, met veel kooplieden ertusschen, die aan
+de reizigers de producten van hun industrie komen aanbieden. Hier worden vervaardigd een gedeelte van die rood lederen voorwerpen,
+die alle bazars van het Oosten vullen. Het zijn gordels, met figuren opengewerkt, allerlei portretlijstjes, handtaschjes,
+tabakzakken, pantoffels en muiltjes. Twee of drie verkoopers haasten zich, onze coup&eacute; binnen te treden en werpen inderhaast
+op onze knie&euml;n enkele van die kunstvoorwerpen, waarvan ze ons den prijs in de ooren schreeuwen. Er wordt een twistgesprek
+begonnen; men onderhandelt, en wanneer men ten slotte wat minachting aan den dag legt of een kalme onverschilligheid, verkrijgt
+men gemakkelijk, ook met de hulp van het naderend sein tot vertrek, een verrassenden afslag in den prijs.
+
+</p>
+<p>En weer hervat de trein zijn loop door de kleine vlakte. Dit is de plek, ingenomen door de drie antieke steden Pallantion,
+welker overblijfselen hebben gediend, om Tripolis te bouwen, een stad, die dus betrekkelijk modern was ten tijde van de verwoesting
+door de Turken in 1825. Dadelijk daarna komen we weer te midden van bergland en heuvels, die aansluiten bij de voorbergen
+van den Taygetos en te midden waarvan Megalopolis is gelegen, waar we tegen vier uur in den namiddag aankomen.
+
+</p>
+<p>De eerste persoon, dien we bij het uitstappen ontmoetten, is de brave Panayotti, die hier al gisteren is aangekomen, om voor
+ons rijtuigen op te scharrelen en te huren. Hij heeft natuurlijk aan de heele stad verteld, dat de gezant van Frankrijk er
+den volgenden dag zou aankomen, zoodat een groote menigte het station vult. De vreemdelingen zijn zeldzaam te Megalopolis,
+en dus begrijpt men, dat de nieuwsgierigheid der menschen in sterke mate is gaande gemaakt, nu de tegenwoordigheid zal zijn
+waar te nemen van een offici&euml;el persoon van beteekenis, en slechts met heel wat moeite, baant de eenige politieagent ons een
+weg tusschen al die stijf tegen elkander dringende schouders door.
+
+</p>
+<p>Op het kleine, stoffige marktplein met lage huizen er omheen wachten ons twee zonderlinge voertuigen, waar ik vrees, dat ons
+een marteling te wachten staat, die, hoewel verschillend, niet zal onderdoen voor de gruwelijke kwellingen op den muilezel.
+Het zijn karren op twee wielen, slecht hangend in roestige ve&ecirc;ren, en waarvan de carrosserie, schitterend rood en blauw gekleurd,
+van boven een galerij van kleine, gele zuiltjes draagt. Als zitplaatsen twee houten planken, die er niet op schijnen berekend,
+de schokken van den weg te matigen. Die soesta&#8217;s, zooals men de wagentjes noemt in het land, worden getrokken door een klein,
+gezadeld paard, dat strakjes te drinken krijgt uit een blikken emmer, die met een zak haver achter aan het voertuig is bevestigd.
+Wij installeeren ons met ons drie&euml;n in elk der rijtuigen, die, ze mogen dan al niet sierlijk of gemakkelijk zijn, toch het
+voordeel bieden, dat ze van echt lokale kleur zijn. &#8220;Embros!&#8221; (Vooruit!) en daar vertrekken we naar Karytena.
+
+</p>
+<p>De eerste oogenblikken zijn afgrijselijk; diegenen onder mijn lezers, die hun militairen dienst bij de artillerie hebben doorgebracht,
+en die vele uren achtereen hebben moeten zitten op kanonnen, die over het bouwland stoven in een galoppade, zullen beter dan
+iemand begrijpen, wat wij moesten doorstaan. De weg is als naar gewoonte, erbarmelijk afgebroken door diepe plassen, waar
+we in neerstorten, vol losse steenen, die tegen de rijtuigen opspringen en dan zwaar op den grond vallen, terwijl het vervelende
+drafje, dat aan den wagen een aanhoudende schudding van voren naar achteren geeft, ons volkomen radbraakt. En dan te weten,
+dat dit ten minste drie uren moet duren! In welk een staat van ontwrichting zullen we ten slotte in dat afgelegen Karytena
+aankomen?
+
+</p>
+<p>Intusschen begint de avond te vallen, en dikke, zwarte wolken komen op aan den nog helderen hemel. Zal dan mogelijk het weder
+toch het succes van onze expeditie bederven en zal het ons verhinderen, morgen te genieten van dat heerlijke licht, zonder
+hetwelk dit land, dat een zonnevriend is, schijnt te slapen onder een grooten rouwsluier? De weg, gelijk aan een onzer slechtste
+zandwegen, loopt om bergen, die hier en daar bosschen dragen en gaat dan een klein dal binnen, waar we eenig bouwland zagen.
+Tegen zeven uur, toen de bijna totale duisternis ons belette, iets van het landschap te zien, begonnen enkele regendruppels
+te vallen, en <span id="d0e544" class="corr" title="Bron: tegelijkerlijd">tegelijkertijd</span> nam een hevige rukwind mijn hoed mee en deed dien verdwijnen in een roggeveld.
+
+</p>
+<p>Dit onbeteekenende voorval, dat zijn grappige zijde had, dreigt mij met ernstige gevolgen; ik heb natuurlijk geen ander hoofddeksel
+bij mij, en we komen in een streek, waar ik niet de geringste hoop behoef te koesteren, den hoed, dien ik verloren heb, te
+kunnen vervangen. Als ik dus niet drie dagen lang mijn hoofd wil blootstellen aan de brandende zon en een doodelijken zonnesteek
+oploopen, moet ik of mijn hoed opzoeken of de pet van een herder leenen. Daar ik dat tweede alternatief niet dan met een zekeren
+schroom overdacht, haast ik mij op den grond te springen en ga dan, geholpen door Panayotti, op den tast aan het zoeken in
+de duisternis. Na eenige minuten vind ik het gewenschte terug.
+
+</p>
+<p>Eindelijk beginnen we onduidelijk een donkere massa te onderscheiden, die de donkere berg moet wezen, gekroond door het versterkte
+kasteel van Karytena; maar de slingerende weg maakt zooveel bochten, dat het doel zich schijnt te verwijderen, naarmate we
+intusschen er dichterbij komen. Plotseling wordt een vuur op den top ontstoken, dan volgt een ander en daar doemen de oude
+kanteelen van het feodale kasteel helder op in het licht der vlammen. Tegelijkertijd begeven honderden van lichtjes zich op
+weg langs de hellingen, waar de huizen schilderachtig over zijn uitgestrooid in boven elkaar gelegen reeksen. Een heele menigte
+is op weg, om ons tegen te komen; de wegen zijn verlicht; daar in de hoogte worden de groote vuren talrijker en bestralen
+al spoedig het geheele land; een oud kanon, dat alleen op feestdagen wordt gebruikt, dondert met korte tusschenpoozen en wekt
+de slapende echo&#8217;s in de verre bergen.
+
+</p>
+<p>De boeren hebben den gezant van Frankrijk eer willen bewijzen, omdat zijn naam al lang in Griekenland <a id="d0e553"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e553">268</a>]</span>populair is geworden, en het is hun gelukt, want deze nachtelijke ontvangst in het afgelegen land, bij het dreigend onwe&ecirc;r
+en in het licht der toortsen, heeft een verrassende uitwerking. Het is acht uur in den avond, als we aankomen aan den voet
+der steilte; de bewoners wachten ons op ter hoogte van de eerste huizen, en zoodra de soestra&#8217;s uit de duisternis te voorschijn
+treden, gaat er een luide kreet uit aller borst op van: &#8220;Zito o kyrios presvis, zito i Gallia! Leve de Gezant, leve Frankrijk!&#8221;
+De burgemeester treedt naar voren, richt tot graaf d&#8217;Ormesson eenige welkomstwoorden en verzoekt hem met zijn gevolg in het
+burgemeesterlijk huis zijn intrek te willen nemen. Panayotti, die meer of minder getrouw de kleine toespraak heeft vertaald,
+is verrukt en opgewonden, trotsch, dat hij de rol van tolk mag spelen tegenover de saamgestroomde menigte van zijn landgenooten.
+En terwijl wij antwoorden met helder opklinkende: &#8220;Zito i Ellas!&#8221; op de vreugdekreten der toortsdragers, begint de beklimming
+van de lastige, steile straatjes. De geheele bevolking begeleidt de rijtuigen, die in de golvende menigte verdwijnen; een
+sterke harsgeur stijgt ons naar de keel, en onze schaduwen dansen reuzengroot langs de gevels van de roodgekleurde huizen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-268.jpg" alt="Tweewielige wagens, rustend op slechte ve&ecirc;ren." width="655" height="426"><p class="figureHead">Tweewielige wagens, rustend op slechte ve&ecirc;ren.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Vermoeid en doof van al het lawaai, komen we eindelijk aan de deur van het huis van den demarchos, dat hooger is gelegen dan
+de andere huizen, zooals past voor de woning van een gemeentelijk magistraatspersoon. We worden eerst gebracht in een vrij
+groot vertrek, met witgekalkte muren en nog al zindelijk onderhouden; een divan, die op een smalle houten bank gelijkt, bedekt
+met een rood tapijt van inlandsch weefsel, neemt &eacute;&eacute;n wand van het vertrek in, terwijl het sobere ameublement verder bestaat
+uit een withouten tafel, een vermolmde commode, een vettigen armstoel en eenige stoelen met matten zitting. Tegen den muur
+hangen op een eereplaats twee chromo&#8217;s, die Koningin Olga en Koning George voorstellen; dan eenige gravures, die betrekking
+hebben op den onafhankelijkheidsoorlog, een vrome schilderij, waarvoor een kaars brandt.
+
+</p>
+<p>&#8220;Kaloi crisete, weest welkom!&#8221; herhalen nog eens de burgemeester en zijn vrouw, die in alle bescheidenheid ons de handen komt
+kussen, en terwijl Panayotti onzen maaltijd gaat bereiden met behulp van een walmende lamp, worden wij gebracht naar de beide
+vertrekken van het huis, die ons welwillend voor den nacht worden aangeboden. Welke hokken! We vinden er een opeenhooping
+van onnoembare dingen, van voddige kleeren, die over de meubels hangen, alles van terugstootende vuilheid. De muren hebben
+gaten, zoo groot, dat men er de hand in kan leggen; de vloeren en de zolderingen zijn zwart; de bedden voorzien van ruwe lakens,
+die men niet voor andere schijnt te zullen verwisselen, en die door den nacht in een afgrijselijk mysterie zijn gehuld. Ons
+besluit was dan ook weldra genomen; we zullen in de ontvangkamer blijven, die thans onze eetzaal is en die dan in slaapzaal
+zal worden veranderd, want hier zullen we beter in staat zijn, de ontberingen van ons lot te dragen. Onze gastheer schijnt
+zeer verbaasd over dat onverwachte besluit, en we hooren hem langen tijd met zijn vrouw praten, terwijl die laatste haar zorgen
+wijdt aan een lamsgebraad, dat straks ons menu van spijzen uit blikjes moet aanvullen.
+
+</p>
+<p>Wij moeten het meest mogelijke nut trekken uit de aanwezige meubels, die te onzer beschikking staan. De gezant, die zijn veldbed
+heeft meegenomen, is al gered; dus blijven er voor ons vijven een tafel, vier stoelen, een leunstoel en de ongemakkelijke
+divan. Het is er nu om te doen, die ongelijksoortige dingen in bedden veranderen, of ten minste in iets, dat er een beetje
+op gelijkt! De taak gaat inderdaad boven onze krachten, en we moeten al spoedig afstand doen van het vooruitzicht, een oogenblik
+gekoesterd, dat we een weinig zouden kunnen uitrusten van de vermoeienissen der reis. De tafel, waaraan we juist hebben gegeten,
+wordt toegekend aan mejuffrouw d&#8217;Ormesson, die er zich op uitstrekt, in haar deken gewikkeld. De beide andere jonge meisjes
+en ik nemen plaats op den divan, terwijl de heer Benner zich in den armstoel installeert. Den geheelen nacht brengen we zoo
+door bij het zwavelkleurige licht van bliksemstralen, die voor een oogenblik telkens de huizen bestraalden van het aan onze
+voeten in het donkere dal der Alpheus sluimerende dorp.
+
+</p>
+<p>Om zes uur in den morgen waren we op, zonder dat het opstaan ons eenige moeite kostte, ofschoon we veel vermoeider waren dan
+den vorigen dag. De eenige waschkom uit het huis wordt op een steen <a id="d0e568"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e568">269</a>]</span>v&oacute;&oacute;r het huis neergezet, en ik vermoed, te oordeelen naar de belangstelling, die wij bij de inboorlingen gaande maken, dat
+het schouwspel van een persoon, die zijn morgenwassching doet, en die een handdoek gebruikt, iets zeer zeldzaams is hier.
+Weldra verschijnen de beide soesta&#8217;s van den vorigen dag bij een bocht van den weg. &#8220;Kalin antamosin, dat God u een aangename
+ontmoeting bezorge!&#8221; klinkt het uit den mond van den burgemeester, die daarbij ernstig zijn oogen ten hemel heft, en wij herhalen
+dezelfde formule, zonder er iets bij te denken, terwijl de beleefdheid ten overvloede nog eischt, dat we er bedankjes bij
+voegen voor een gastvrijheid, die inderdaad niets beteekende. Daarna beginnen wij langzaam de hellingen af te gaan, gevolgd
+door kinderen in lompen, die op bloote voeten over de scherpe steenen draven op hoop van een laatste aalmoes.
+
+</p>
+<p>Het nachtelijke onwe&ecirc;r heeft de temperatuur in het geheel niet opgefrischt en het is al broeiend heet nu in den vroegen morgen;
+wat zilveren nevelen hangen in het dal, waaruit geblaat van schapen weerklinkt; de hanen roepen elkaar hun morgengroet toe
+en begroeten de eerste stralen der zon, die boven den Valtetso Voeni verrijst. Langzamerhand trekt de nevel op; de oude huizen
+van Karytena met hun houten balkons worden achtereenvolgens verlicht, en het indrukwekkende kasteel, dat door Hugo de Bri&egrave;re
+werd gesticht, en waar Kolokotroni weerstand bood aan het leger van Ibrahim Pacha, teekent trotsch de kroon van zijn hooge
+gekanteelde muren tegen den bleekblauwen hemel af, waar kleine wolkjes als rose vlokken in drijven.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-269-1.jpg" alt="Kromgegroeide eiken strekten de magere armen uit." width="700" height="489"><p class="figureHead">Kromgegroeide eiken strekten de magere armen uit.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Wij komen ten laatste aan de diepe bres, waarin de Alpheus bruist tusschen twee kale, steile wanden; er is een mooie brug
+over den stroom gebouwd en dan begint de weg te stijgen met groote kronkelingen langs de berghelling. De kloof schijnt dieper
+te worden rechts van ons, naarmate we hooger stijgen; de klank van de watervalletjes wordt flauwer, terwijl de alleenstaande
+berg van Kalytena steeds majestueuser oprijst boven de valleien, waar het rijpe koren reeds een gele tint over legt. Nog een
+golving van den bodem, een laatste bocht van den weg, en we verliezen de Alpheus uit het oog, die naar het Noorden haar weg
+vervolgt. Het fort verdwijnt dan uit ons gezicht, omringd, als het is door hoog oprijzende toppen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-269-2.jpg" alt="Herder aan den voet van oude olijfboomen." width="461" height="684"><p class="figureHead">Herder aan den voet van oude olijfboomen.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Er komen dan een reeks van plateau&#8217;s, nu eens mager beboscht met dwergeiken, bloeiende heide en distels, dan weer rotsachtig
+en onvruchtbaar of wel bedekt met armoedig bouwland. Het land is totaal <a id="d0e586"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e586">270</a>]</span>verlaten, en daar de weg toevallig niet al te slecht was, komen de paarden vrij gauw vooruit. In de verte daagt de Khalasmeno
+Voeno op, omringd door met groen overdekte hoogten aan den overkant van een diep dal, waar we steeds langs rijden. Het oog
+rust op een chaos van bergen, die op elkander gestapeld schijnen en waarop kudden geiten loopen te grazen tusschen de struiken.
+Geen geluid van een vogel, geen menschelijke stem! Die zware stilte begint wezenlijk drukkend te worden, en toen we dan ook
+tegen tien uur bij een eenzame khani komen, waar onze koetsiers water vinden voor de paarden, zijn we gelukkig, dat we eindelijk
+eens uit de gruwelijke wagens komen, die sinds gisteren onze ledematen hebben geteisterd, en eens enkele minuten ons vrij
+kunnen bewegen.
+
+</p>
+<p>Boeren, die ons tegemoet treden, schijnen erg verbaasd, die groep van Europeanen te ontmoeten, die te voet onderweg zijn.
+Ze vragen ons natuurlijk, wie we zijn en van waar we komen en blijven staan nadenken, toen ze hooren van Frankrijk en Parijs.
+Inderdaad beschouwen de Grieken, ook die niet, die tot de hooge kringen behooren, hun land niet als deel uitmakend van Europa.
+Is dat een natuurlijk gevolg van de ligging van het koninkrijk zoo dicht bij Azi&euml;, waar het uit politiek, zoowel als uit sociaal
+oogpunt eigenlijk bij behoort? Of komt het door het feit, dat het land niet met Europa verbonden is door een spoorweg, of
+wel moet men die zonderlinge opvatting toeschrijven aan de woeste bergen van Macedoni&euml;, die wel een waren slagboom vormen
+tusschen Griekenland en de andere beschaafde landen? Ik weet het niet, maar zeker is het, dat elken keer, dat een Helleen
+Athene verlaat, om zich naar een der steden van het vaste land te begeven, hij nooit zal zeggen, dat hij naar Frankrijk of
+naar Duitschland gaat, maar eenvoudig, dat hij naar Europa vertrekt, en niemand komt het in de gedachte, die manier van spreken
+zonderling te vinden.
+
+</p>
+<p>Daarom zijn wij voor onze brave boeren eenigszins legendarische personen, door geheimzinnigheid omringd; we zijn hen al lang
+voorbijgegaan, als ze nog staan om te kijken, als vastgeworteld op den weg, en eerst als we bij een bocht van den weg geheel
+zijn verdwenen, zetten ze hun reis voort; ze hebben voor den geheelen dag een onuitputtelijke bron van discours.
+
+</p>
+<p>Iets verder treft ons oor een scherp geluid. Aan den anderen kant van den weg is in de schaduw van een kromgegroeiden plataan,
+den eenigen van zijn soort voor verscheiden honderden meters in het rond, een herder gezeten, die langzaam een droevig liedje
+zingt, een dier klaagzangen, handelend over liefde en oorlog, waarvan sommige coupletten, in een klagend rhythme, dat aan
+het juk der Turken herinnert, dikwijls heerlijk na&iuml;ef zijn. Zijn metgezel begeleidt hem op de fluit, terwijl de geiten, moe
+en loom van het zoeken naar het magere voedsel tusschen steenen, versuft schijnen door de drukkende warmte, waar de krekels
+zich over verheugen. Het is een bekoorlijk tooneel, en we besluiten, hier te wachten onder het aanroepen van de schim van
+Theocritus en Virgilius, tot onze rijtuigen komen, die niet ver meer kunnen zijn. Daar komen ze dan ook al in galop aan in
+een wolk van stof; we moeten ons thans haasten, als we vroeg genoeg te Andritsena willen zijn, om in den namiddag het uitstapje
+te maken naar Bassae. Dus werd het ontbijt maar in de soesta genuttigd, zoo goed en zoo kwaad, als het gaat en het werd met
+moeite verteerd. De paarden hebben een drafje aangenomen, en de bewegingen, die ze aan het voertuig bijzetten, zijn zoo gesaccadeerd,
+dat het haast onmogelijk is, een hapje naar den mond te brengen; glazen en flesschen, borden en messen dansen in de kist van
+het rijtuig een dollen rondedans, en het is een waar kunststuk, een slok te drinken, zonder bijna al het vocht over zich heen
+te storten. Eindelijk is daar Andritsena, liefelijk uitgespreid over de groenende hellingen der bergen, half verborgen tusschen
+de boomen, die langs de bochtige oevers van een paar riviertjes staan. De slanke cypressen, die zulk een kenmerkend karakter
+aan de landschappen van Griekenland geven, steken in grooten getale tusschen de platanen hun kruinen omhoog, als zooveel zwarte
+fabrieksschoorsteenen, en olijfboomen vullen de tuinen, waar bronnen murmelen en waar de roode daken der huizen in het groen
+schitteren.
+
+</p>
+<p>De straten zijn zoo vol, dat onze soesta&#8217;s zich slechts met moeite een weg banen door de krioelende massa menschen, die toegestroomd
+is, om ons te zien, en het is voor ons maar net mogelijk, aan de deur van de herberg uit te stappen, waar de paarden wachten,
+gezadeld en gereed voor het vertrek. Al die menschen lijken verbaasd, schreeuwen en gillen en maken allerlei bewegingen als
+razenden. Er worden uitroepen gehoord, opmerkingen van allerlei aard; men duwt elkander, om beter te kunnen zien, en dat met
+het gevolg, dat wij tegen den muur worden gedrongen. We gingen er toen ons maal gebruiken met een versterkend kopje koffie.
+Eindelijk na veel onderhandelingen en zuurzoete discussies tusschen Panayotti en de agoyaten, die het niet eens kunnen worden
+over een billijke verdeeling van onze bagage, na stroomen van woorden, die op niets uitloopen, komt onze karavaan in beweging
+en veroorzaakt in de menigte, nu door nieuwsgierigheid als versteend, een langdurige beweging, en dan begint de bestijging
+langs een voetpad, dat onder hooge eiken loopt boven het lachende dal.
+
+</p>
+<p>De lucht is bewolkt; het liefelijke landschap van Andritsena verdwijnt om plaats te maken voor kale dalen en heuvels, waar
+we aanhoudend moeten stijgen en dalen; daarbij steekt de wind op, zwarte wolken drijven boven ons hoofd, alles versombert,
+en in de stilte weerklinkt alleen de stem van de agoyaten, die elkaar wat toeroepen van het eene naar het andere eind der
+karavaan. Ze zijn intusschen heel aardig en hulpvaardig, maar ook nieuwsgierig en babbelachtig. Ze willen onze namen en voornamen
+kennen, enkele gewone woorden in het Fransch hooren, die ze dan grappig herhalen, en toen de jonge meisjes de bloemen aan
+den weg bewonderen, haasten ze zich, haar die aan te bieden.
+
+</p>
+<p>Wij stijgen steeds en beklimmen de hoogten van den Paleo Kastro, waar enkele magere eiken, afschuwelijk vergroeid, en bijna
+bladerloos, hun groote, kale takken uitspreiden. De stammen zijn hier afgeknaagd <a id="d0e600"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e600">271</a>]</span>door de geiten, daar verbrand door de vuren der herders, en ik kan mij niets treurigers voorstellen dan die verspreide overblijfselen
+van vroegere bosschen, op het punt van sterven, en nu gesleurd door den hevigen wind. Nog een enkele snelle daling, een stijging
+door een boschrijker gebied en eensklaps liggen daar beneden ons als een verschijning uit een tooversprookje de zuilen van
+den tempel van Apollo, vol majesteit uit den grond verrijzend.
+
+</p>
+<p>Ik geloof niet, dat ik sedert ik in Griekenland ben, een indruk heb gekregen, die zoo sterk was als bij het zien van dit schouwspel.
+Dat komt, doordien er inderdaad geen enkele tempel is, noch onder de prachtige monumenten van Paestum en Girgenti, die in
+zoo dichterlijke omgeving ligt en zoo, van uit de verte gezien, afgezonderd en eenzaam daar op een woest gebergte zich verheft
+te midden van donkere rotsen en dreigende steilten. Een puinhoop van dikke steenen omringt aan alle kanten de zes-en-dertig
+zuilen, die nog hun architraven dragen en precies den rechthoekigen vorm van het gebouw aangeven. Zoo is dan ook de aanblik
+van het zoo goed bewaard gebleven gebouw verrassend; er is hier geen marmer gebruikt, maar een soort van grijzen kalksteen,
+die wonderlijk mooi samenstemt met den algeheelen indruk van het landschap op dezen laten, donkeren, regenachtigen namiddag.
+
+</p>
+<p>We betreden den tempel door den pronaos, gaan door de cella, nog duidelijk aangegeven door de lijn der instortende muren,
+waarboven de kale bergtoppen opsteken, en waar het gras groeit tusschen de reten der steenen. Het lijkt ons, dat we aan het
+eind zijn gekomen van een vrome bedevaart; ieder zwijgt, denkend aan de wonderbare oudheid, aan de gewijde ceremoni&euml;n, waardoor
+de glorie en de macht werden verheerlijkt van die goden, die nu begraven liggen onder de puinhoopen van hun altaren in de
+grootsche en plechtige omgeving van de droevig stemmende natuur.
+
+</p>
+<p>Die herinneringen bestormen in massa onzen geest, en enkele oogenblikken later bereiken we den nabijzijnden top van den Kotylion,
+van waar men het uitzicht heeft op een wijd bergenpanorama. Ik herken den Taygetos, de vlakte van Messeni&euml;, de golf van Kalamata,
+nauwelijks zichtbaar in den opkomenden nevel; de sneeuw van den Erymanthos is in het Noorden zichtbaar, en dichterbij zien
+we het dal der Alpheus en de eentonige lijn van de golf van Kyparissia. Maar de blik wordt als vastgehouden door het heiligdom
+van Apollo, dat aan onze voeten ligt, vol majesteit in de eeuwenlange vergetelheid en waar groote roofvogels boven zweven.
+Met een diep bewogen gemoed en onder den indruk dier hooge kunst, dalen we eindelijk weer af door de bloeiende bremstruiken
+en door eikenboschjes, die alleen voor ons het eeuwige lied der lente zingen en die ons schijnen te zeggen, dat ten minste
+niet alles dood is op deze plek....
+
+</p>
+<p>Geduldig wachten ons de agoyaten, pratend met een zonderling wezen, uit ik weet niet wat voor hol gekropen. Is het wel een
+man, niet eerder een vrouw? Welk bestaan leidt het? De kleeding doet het eerste vermoeden, maar het fijne gezicht, de lange
+haren, de zachte en droeve oogen doen ons aarzelen. Onnoodig, pogingen aan te wenden, om het wezen aan het spreken te brengen;
+het kijkt ons vast aan, zonder de lippen te openen en wij moeten weer vertrekken, zonder het geheimzinnig raadsel te hebben
+opgelost. De avond valt; nog eenmaal werpen we een blik op de zuilen, die weldra in een terreinplooi zullen verdwijnen en
+we slaan den terugweg in.
+
+</p>
+<p>Het is donker onder de boomen, en de paarden struikelen telkens; maar we moeten haast maken, om aan een lange, moeilijke,
+nachtelijke reis te ontkomen. Maar ondanks onze pogingen en trots de flinkheid van onze paarden is het donker, als we tegen
+acht uur eindelijk te Andritsena aankomen. Panayotti wacht ons, om ons naar het gastvrije huis te geleiden van een notabele
+uit het stadje, waar we hopen degelijk te kunnen uitrusten van de vermoeienis der beide zware dagen. Daar wacht ons een aangename
+verrassing; zachte matrassen liggen op den parketvloer der kamers, die eenvoudig en zindelijk zijn; alles ademt hier welstand
+en een zeker comfort, die beide prettig afsteken bij de armoede der woningen, tot nu toe door mij gezien in Griekenland. Wij
+kunnen onze oogen niet gelooven en zijn nog onder de bekoring, die bij ons wordt gewekt door de gedachte aan een te verwachten
+goeden nacht, als zich een statige heer in de deur vertoont en de eer verzoekt van ons bezoek aan de stedelijke bibliotheek,
+waar, naar het schijnt, eenige oude fransche boeken aanwezig zijn uit den tijd der frankische bezetting. Die perkamenten zijn,
+daar twijfelen we niet aan, uiterst belangrijk, maar het oogenblik komt ons heel slecht gekozen voor, om ze te bezichtigen.
+
+</p>
+<p>Wij kijken elkander eens aan, en ons gelaten in ons lot schikkend, volgen we zonder geestdrift den braven man, die gelukkig
+is door het genoegen, dat hij ons meent te verschaffen. Eenige oogenblikken later zijn we in de groote zaal der helleensche
+school, waar bij het licht van een waskaars, door den priester vastgehouden, we in haast de interessantste planken nagaan.
+Maar de vermoeidheid is grooter dan onze moed; ondanks alles glijden onze oogen, zonder te zien over de manuscripten, die
+het misschien de moeite waard zou wezen, rustig te onderzoeken, en na vele dankbetuigingen bereiken we zoo gauw mogelijk ons
+logies.
+
+</p>
+<p>We werden eerst om zes uur den volgenden morgen wakker, juist op het oogenblik, toen de roode zonneschijf, van achter de bergen
+te voorschijn komend, een groot vuur schijnt te ontsteken. Het belooft een prachtige dag te worden, en vroolijk gestemd, zoeken
+we onze paarden op, die ons wachten met dezelfde agoyaten van den vorigen dag, om ons aan de golf van Kyparissia te brengen
+naar het kleine station Boezi, waar de spoorweg van Pyrgos langs gaat. Het vriendelijke dorp Andritsena, van waar men een
+uitzicht heeft naar het Noorden tot de toppen van den Olonos, half wegschuilend in den morgennevel, verdwijnt weldra in zijn
+bed van groen.
+
+</p>
+<p>Dan volgt er eerst een aangename rit over zacht en bebloemd gras, waar gele margarieten licht zich wiegelen op den wind en
+nog vochtig zijn van den nachtelijken dauw; er staan primula&#8217;s naast anemonen <a id="d0e618"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e618">272</a>]</span>en roode papavers, terwijl verderop lange reeksen eglantieren hun wortels baden in de heldere bedding der beken. Maar spoedig
+gaat het pad stijgen; we rijden door een boschrijke streek, en dan komen weldra steenen met magere struiken en de uitloopers
+van kale gebergten. Gedurende meer dan drie uren beklimmen we aldus zonder ophouden steile toppen, waar de weg over loopt,
+om dadelijk aan de andere zijde weer te dalen.
+
+</p>
+<p>De agoyaten, springend van steen op steen, glijden telkens uit, terwijl de wortels en takken hun tegen de beenen slaan; maar
+ze zijn te opgewekt, dan dat het hen zou verhinderen, luide te zingen. Soms laat een van hen een keelklank hooren, waarop
+het voorste paard zijn gang versnelt en dan weer kalm gaat draven; de anderen volgen en daar gaan onze mannen aan den haal
+onder het lachend geroep van: &#8220;A&iuml;d&eacute;, a&iuml;d&eacute;!&#8221; om hun beesten nog maar meer aan te zetten. Maar we vragen al gauw om genade,
+want het is niet mogelijk, zoo&#8217;n proef lang te doorstaan op zulke wegen. De groote kinderen, die zich te onzen koste hebben
+vermaakt, gaan dan kalm hun gezang weer voortzetten.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 387px"><img border="0" src="images/p1909-272.jpg" alt="Brug over de kloof der Alpheus." width="387" height="720"><p class="figureHead">Brug over de kloof der Alpheus.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Tegen elf uur vertoont zich het eenige dorp, dat we den geheelen dag te zien zullen krijgen; na een korte rust in de schaduw
+van de huizen beginnen we de helling van den pas te bestijgen, aan welks andere zijde zich het dal van de Neda bevindt. Het
+is moeilijk stijgen in den onverbiddelijken zonneschijn; maar het schouwspel, dat ons boven wachtte, beloonde wel voor de
+inspanning. Door reusachtige bosschen, die in zachte helling een groen tapijt spreiden tot beneden aan de zee, kronkelt zich
+de rivier sierlijk over de gele steenen. We hebben nu het aangename vooruitzicht, onder de groote boomen te rijden, verkwikt
+door de nabijheid van het koele water. Maar eerst moeten de paarden rusten, en wij maken van de halte gebruik, om te ontbijten
+niet ver van een bron, waar vrouwen haar armoedige linnen wasschen.
+
+</p>
+<p>Dadelijk daarna de prettige rit onder de boomen in de heerlijke schaduw, die aan de boschjes van Frankrijk doet denken. Beneden
+in het dal aangekomen, volgen we aanvankelijk den rechtschen oever van den stroom, om daarna te waden naar den linkeroever.
+Vijfmaal achtereen moet diezelfde overtocht worden volbracht; onze agoyaten hebben hun schoenen uitgetrokken en loopen door
+het water, en als dat laatste tot hun knie&euml;n stijgt, springen ze vlug op de schouders van hun voorganger, om niet nog dieper
+te zinken.
+
+</p>
+<p>Op dit oogenblik gebeurt er iets komieks. Panayotti, die zich wijselijk langs den geheelen weg in de achterhoede van de karavaan
+had gehouden, op het muildier, dat het proviand droeg, wil een bewijs geven van zijn onafhankelijkheid en op eigen wieken
+drijven. Maar het bekomt hem slecht. Toen hij zich juist midden in de rivier bevindt, gaat het zadel, waarop hij is gezeten,
+verschuiven, en in een oogenblik is onze tolk te water geraakt, broederlijk vereenigd met de mand met eieren, de blikjes en
+de waterflesschen. De drenkeling, die zelf zijn redding bewerkstelligt, komt geheel doorweekt weer aan den wal en houdt <span id="d0e633" class="corr" title="Bron: triomfankelijk">triomfantelijk</span> alle proviand omhoog. Hij wordt omringd en met vragen bestormd, en toen we de opmerking maakten, dat dit niet precies de
+juiste behandeling is voor de rheumatiek, waaraan hij lijdt, haalt hij grappig de schouders op en wijst naar de zon, die inderdaad
+zich haast, al het vocht van het onvrijwillige bad op te zuigen.
+
+</p>
+<p>Een half uur later zijn we te Boezi, waar de beschaving, die wij uit het gezicht hadden verloren sinds drie dagen, zich aan
+ons voordoet in de gedaante van de rails van den spoorweg. En onder het wachten op den trein, liggend onder de olijven, beginnen
+wij de bekoring van dit vrije leven recht te waardeeren, wetend, dat we het zullen betreuren. De scherpe fluit van een moderne
+locomotief stoort ons in onze droomerijen.
+
+<a id="d0e638"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e638">273</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-273.jpg" alt="Verlaten voetstukken naast brokken van zuilen." width="720" height="441"><p class="figureHead">Verlaten voetstukken naast brokken van zuilen.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Van <span id="d0e646" class="corr" title="Bron: Boezie">Boezi</span> naar Pyrgos heeft men maar drie uren te sporen. Door de raampjes van ons compartiment, waarvan de schokken al heel onbeduidend
+schijnen na de ritten van Andritsena en Bassae, begroeten wij voor de laatste maal het lachende en grootsche dal der Neda,
+dat de spoorweg passeert over een brug, om daarna langs het lage, vlakke strand te midden van rijke wijngaarden te belanden
+aan het zuidelijk uiteinde van het meer van Ka&iuml;apha, enkel van de zee gescheiden door een smalle strook lands en waar de visch,
+naar het schijnt, overvloedig is.
+
+</p>
+<p>De trein gaat langs den oever, waar de netten hangen te drogen, houdt een oogenblik op te Ka&iuml;apha, waar zwavelbaden met die
+van Loetrako bij Korinthe en die van Aedipso op Euboea dingen om de gunst der helleensche client&egrave;le, overschrijdt de hoogte,
+waar men de ru&iuml;nen vindt van de versterkte vesting Samikon en komt eindelijk over Agoelenitza en de prachtig bebouwde velden
+aan de lagune bij het station Pyrgos, waar we tot acht uur des avonds op de aansluiting naar Olympia moeten wachten.
+
+</p>
+<p>Wat al dien tijd anders te doen dan door de stad te wandelen, die intusschen niets belangwekkends heeft? Ze lag vroeger veel
+dichter bij de zee dan tegenwoordig, maar de aanslibbing van de Alpheus heeft langzamerhand de kustlijn verlegd. De citroen-
+en moerbeiboomen en de olijven groeien er heerlijk in de moerassige vlakte, waar veel veen in den grond zit, en waar wijngaarden
+een der beroemdste wijnen uit den Peloponnesus leveren. Pyrgos, dat na Patras en Kalamata het belangrijkste handelscentrum
+is, voert over Katakolo groote hoeveelheden krenten uit. Al die zaken geven aan de stad een voorkomen van welvaart, dat aan
+den dag treedt in de hoofdstraat met haar vele winkels; het is er zoo vol, dat we nauwelijks vooruit kunnen komen.
+
+</p>
+<p>Hier zijn we weer eens het voorwerp van een onbescheiden nieuwsgierigheid, waar ten slotte een gendarme medelijden mee krijgt.
+Een vlugge uitdeeling van eenige muilperen links en rechts, die in het Oosten het meest doeltreffende argument zijn van een
+miskende overheid, maakt weldra onzen weg vrij, en we kunnen onze wandeling voortzetten, voorafgegaan door onzen redder, die
+de gewone belooning voorziende, niet van ons af is te slaan. Na met hem het verre panorama te hebben bewonderd van het eiland
+Zante, dat in een rooden nevel zich baadt in het licht der ondergaande zon, en na ons natuurlijk te hebben opgehouden in een
+der caf&eacute;&#8217;s van de stad, om er raki, olijven en turksche koffie te gebruiken, bereiken we het station weer, waar al spoedig
+de trein voor Olympia, komend van Patras, binnenkomt.
+
+</p>
+<p>En nu volgt een kort nachtelijk reisje van nauwelijks een uur door een licht golvend, door de maan beschenen land. Eindelijk
+houdt de trein aan een klein station stil, dat geheel donker is en waar de dienstmannen en h&ocirc;telbedienden spoedig zich van
+onze bagage hebben meester gemaakt. Eenige oogenblikken later sluit zich de deur van het Groote Spoorwegh&ocirc;tel achter ons.
+Het is oogverblindend, mollige tapijten liggen in de corridors en op de trappen; de kamers zijn zeer zindelijk, en er is overvloedig
+electrisch licht. Men mag aannemen, dat de waakzame oplettendheid van onze Touring Club hier aan het werk is geweest, en dat
+het land bijna dagelijks wordt bezocht door rijke vreemdelingen, die men op alle manieren het naar den zin moet maken, <a id="d0e657"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e657">274</a>]</span>opdat diegenen, die worden aangetrokken door den roep van Olympia, ook den lof kunnen zingen van de h&ocirc;tels aldaar.
+
+</p>
+<p>Welk een verschil met de onmogelijke verblijven, waar we de laatste nachten hebben doorgebracht! Wat een weelde, hoeveel comfort,
+maar ook welk een ontzettende banaliteit! We verbazen ons over alles, over de duizenderlei kleinigheden, die zoo onontbeerlijk
+lijken in het dagelijksche leven, en waar wij het toch drie dagen lang wonderwel buiten hebben kunnen stellen. Maar onze met
+stof bedekte kleeren, onze gezichten, die geen water hebben gevoeld en niet met het scheermes in aanraking zijn geweest, zouden
+ons doen gelijken op een troep boeren van de Donau, plotseling in de tegenwoordigheid gebracht van de ongekende wonderen der
+moderne beschaving. Dit alles is zonder twijfel aangenaam, maar ik blijf er niettemin bij, dat een reis in Griekenland, om
+iemand waarlijk kunstindrukken te geven, meer onverwachts moest meebrengen. Onze hedendaagsche gewoonten vloeken, om zoo te
+zeggen, met de hier grijpbare overblijfselen uit de oudheid; ze passen wel slecht bij de nog primitieve zeden der tegenwoordige
+Hellenen en bij de te weinig bekende pracht van het landschap.
+
+</p>
+<p>In ons tegenwoordig Europa, dat gebanaliseerd is door de spoorwegen, de reisagentschappen en de prentbriefkaarten, is Griekenland
+nog een der te weinig talrijke landen, waar de toerist een mooie onafhankelijkheid kan genieten en de vreugde mag voelen of
+ten minste de illusie mag koesteren, dat hij moedig weinig betreden paden heeft gekozen. Laat ons hem zoo lang mogelijk vrij
+laten en hem in de gelegenheid stellen, zijn onderzoek voort te zetten; laat ons niet al te veel haast maken met het moderniseeren
+van het land en laat ons doordrongen zijn van het besef, dat comfort de vijand is van het schilderachtige en dat, om dat laatste
+te vinden, we het eerste moeten kunnen opofferen.
+
+</p>
+<p>De heer Benner, met wien ik mijn kamer deel, is te veel kunstenaar, om het niet met mij eens te zijn, en wij zouden nog lang
+over dit onderwerp hebben doorgepraat, als de groote vermoeienis van den dag ons niet had bewogen, om eindelijk het welbehagen
+te genieten van de aanlokkelijke bedden met de spierwitte lakens. Toegevend, dat de beschaving toch ook wel iets goeds heeft,
+slapen we in, in slaap gewiegd door het gekwaak van duizenden kikkers in het stilstaande water der moerassen.
+
+</p>
+<p>Niemand gaat tegenwoordig naar Griekenland, zonder een bezoek te brengen aan Delphi en Olympia, die beide archeologische middelpunten,
+waar alles is opgegraven door de fransche en duitsche scholen, waardoor de leeken zich een denkbeeld kunnen vormen van de
+pracht der Oudheid. Het laatste was minder een stad dan wel een groot heiligdom, waar altaren waren voor de meeste goden en
+waar prachtige periodieke feesten werden gegeven, bekend onder den naam van Olympische spelen. Er was alle macht van het Christendom
+noodig, om eindelijk aan dien eeuwenouden eeredienst een einde te maken. De tempels vielen langzamerhand in puin, de olijvenbosschen,
+die hun schaduw wierpen over de altaren, werden de prooi der vlammen, de barbaren kwamen en de aardbevingen voltooiden het
+werk der menschen. Ze overdekten met een dikke laag aarde de oude schatten, die thans weer aan het licht zijn gebracht.
+
+</p>
+<p>Daarom is er niet veel over van al die pracht; de monumenten zijn gesloopt; sommige gaan nog schuil in het hooge gras, andere
+laten niet anders zien dan de treurige massa van hun fondamenten. En een gevoel van onzegbare droefenis, gelijk aan dat, wat
+men ondervindt bij het bezoek aan een doodenstad, komt over ons, als we door de poort der processies binnenkomen in de reusachtige,
+gewijde ruimte of de Altis, waar zich alle tempels bevonden. Dat ruime vierkant, aangelegd tegen de groene helling van den
+berg Kronos, gelijkt veel meer op de werf van een steenhouwer dan op een archeologische reconstructie, en men is eigenlijk
+verbaasd, er niet de slagen te hooren van hamers of het geknars van zagen.
+
+</p>
+<p>Noch het Heraion, de oudste, zegt men, van de bekende dorische tempels, noch die van Herodes Atticus, een der romeinsche maecenassen
+van Griekenland, die met groote kosten naar het terrein der offeranden het water liet voeren, dat er ontbrak, noch het Terras
+der schatten, waar een reeks kleine kapelletjes stond, die met de offeranden van de steden ook de trofee&euml;n bevatten, door
+die steden in de gymnastische spelen behaald, noch het Stadion, noch zelfs de reuzentempel van Zeus, waarvan niets over is
+dan de onderlaag van grijs tufgesteente, kunnen den somberen indruk uitwisschen, op ons teweeggebracht door den aanblik van
+de onherstelbare ru&iuml;ne.
+
+</p>
+<p>Toch krijgt men van daar een overzicht van het geheele terrein der ru&iuml;nen, vanaf het Metroon of den tempel van de moeder der
+goden, tot het Paleis van den Olympischen Senaat, van het Hippodroom en het huis van Nero, dat hij zich had laten bouwen,
+om de spelen te kunnen bijwonen, tot het reusachtige Leonidaeon dat, met het Prytanaeum, de beroemdste bezoekers ontving.
+Maar dat alles is thans niet anders dan een opeenhooping van voetstukken, die daar eenzaam en verlaten staan of van afgebroken
+zuilen, en men moet, als men niet in zijn diepste wezen archaeoloog is, zulk een groote dosis verbeeldingskracht hebben en
+zulk een goeden platten grond, om zich thuis te voelen te midden van de vormlooze overblijfselen, die vaak ver van hun primitieve
+standplaats zijn getransporteerd, dat we verlangen naar het zien van meer wezenlijke dingen.
+
+</p>
+<p>Door resten van vestingen en byzantijnsche kerken naast romeinsche fondamenten en helleensch beeldhouwwerk bereiken wij den
+heuvel Droeva, waar een rijk bankier uit Athene, de heer Syngros, op zijn kosten het Museum heeft laten oprichten, dat thans
+den prachtigen Hermes van Praxiteles herbergt, die bijna ongeschonden werd teruggevonden in het Heraion onder een dikke laag
+leem, naast de uitgezocht schoone figuur der Gevleugelde Overwinning, in sierlijk stoute beweging haar voetstuk verlatend.
+Het Hermesbeeld is gehouwen uit een schitterend wit blok marmer; het schijnt mij het zuiverst ideaal van mannelijke schoonheid
+te verwezenlijken, zooals het majesteitelijke hoofd zich buigt in teederheid tot Dionysos, dien hij in zijn armen draagt,
+en we gevoelen tegenover dit magistrale werk een <a id="d0e675"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e675">275</a>]</span>zoo heftige ontroering, dat we op eenmaal de teleurstelling vergeten, die over ons kwam op het terrein van de opgravingen.
+
+</p>
+<p>De namiddag wordt besteed aan den tocht naar Patras met den spoorweg; de warmte was eerst zoo hevig, dat we geen woord uitbrachten
+en in stilte leden op de banken van de coup&eacute;; het landschap vlamt onder den brand der zon, en arbeiders, naar den grond gebogen,
+met een doek om het hoofd, waarvan ze de slippen tusschen de tanden vasthouden, komen een oogenblik overeind, om ons te zien
+voorbijgaan. De locomotief schijnt doordrongen van haar belangrijkheid; ze fluit geestdriftig, alsof ze op haar persoon de
+bewonderende aandacht wilde vestigen. Als al dat lawaai onzen gang maar bespoedigde! Maar daar moet men niet op hopen, en
+het is hier recht duidelijk veel lawaai en weinig wol.
+
+</p>
+<p>En zwaar en eentonig gaan de uren voorbij; nauwlettend staat de trein bij alle kleine stations stil, die vaak niet anders
+zijn dan loodsen met een tafel op het perron, die als buffet dienst doet en waar harde eieren, kaas en wijn zijn te krijgen,
+alles zwart van vliegen en een geur verspreidend, die ver van lekker is. Eenige fustanella&#8217;s stappen in en uit; menschen,
+die niets te doen hebben leunen tegen de hekken met halfnaakte, koperkleurige straatjongens; er wordt gelachen, gepraat, en
+we staan soms zoo lang stil, dat ik den tijd heb, prachtige margarieten te plukken, waarvan de heerlijke frischheid ons een
+poosje verkwikt.
+
+</p>
+<p>Overigens komen, we nader bij de zee, waarvan ons juist als bij Pyrgos reeksen van plassen scheiden; dit zijn de uitgestrekte
+bezittingen van Manaloda, gedeeltelijk nog onbebouwd, toebehoorend aan den troonopvolger. Rechts sluit de majestueuze Erymanthos,
+waar de spoorweg omheen loopt, den horizon af met zijn rotsblokken, zijn diepe kloven en donkere bosschen; de zon daalt langzaam
+naar de zee en gaat er in rusten, als wij eindelijk aankomen, na door beddingen van rivieren te zijn gegaan, bij het station
+Kato-Achaia, op den zuidelijken oever van de golf van Patras, die we nu verder volgen.
+
+</p>
+<p>Het ondergaan van de zon heeft inderdaad in het Oosten iets indrukwekkenders dan elders. Hier, waar de zee zich klein schijnt
+te willen maken, om beter te kunnen doordringen in den chaos van grootsche bergen, die haar omsluiten, is de tegenstelling
+van tinten, de verschillende kleur der onderdeelen van het landschap werkelijk verrassend. De reeds donkere massa van kaap
+Kalogria doet zich aan ons voor en dekt de vlakte met haar schaduw; de geheel zwarte voet van den Erymanthos wordt langzamerhand
+lichter naarmate we naderen; de hoogten van Missolonghi, violet in hun middengedeelte, behouden op hun toppen een zachtrose
+tint, die zich weerspiegelt in de gouden streep over de golf. Alleen de ongeloofelijke helderheid en doorschijnendheid van
+de grieksche atmosfeer kan de ontplooiing van zooveel pracht tot stand brengen. Wij worden niet moede, die te bewonderen,
+tot eindelijk de aankomst in de voorsteden van Patras te midden van de omgewoelde graven ons opwekt uit de droomen van onze
+stille beschouwing.
+
+</p>
+<p>De gezant, die graag spoedig weer in Athene terug wil zijn, beslist den volgenden morgen te willen vertrekken; maar hij geeft
+mij verlof, er mijn verblijf te verlengen en machtigt mij zelfs, de interessante punten te bezoeken van de noordkust van den
+Peloponnesus. Vroeg in den morgen begeef ik mij dus naar het station, dat aan de haven is gebouwd tegenover het h&ocirc;tel waar
+wij den nacht hebben doorgebracht, om bij het vertrek van mijn reisgezellen tegenwoordig te zijn.
+
+</p>
+<p>De lezer moet zich vooral niet voorstellen, dat Patras, de derde stad van Griekenland, de eerste van den Peloponnesus, omdat
+ze tegenwoordig 50.000 inwoners telt, een van die mooie stationsgebouwen bezit, zooals we in duitsche steden gewend zijn.
+O neen, zeker niet; het meest bescheiden station van onze fransche spoorwegen is mooier en vooral zindelijker dan de ellendige
+houten loods, ingesloten tusschen de naburige huizen, waar reizigers en goederen opgestapeld worden in de grootste wanorde.
+
+</p>
+<p>Een of twee wegen komen op den spoorweg uit, en de trein wacht geduldig te midden van een nieuwsgierige menigte, tot eindelijk
+het sein wordt gegeven voor het verder gaan. Het scheelt niet veel, of men zou zich wanen op een dier lijnen in Afrika, waar
+enkel een eenvoudige paal de halte aangeeft! En toch is dit de plaats, waar de meeste reizigers uit Europa aankomen met bestemming
+naar Griekenland; ik vraag mij af, hoe groot wel de verbazing moet wezen van de rijke toeristen bij den aanblik van zoo&#8217;n
+tooneel en welk een onaangenamen indruk ze wel moeten krijgen bij hun eerste aanraking met de gemeenschapsmiddelen van dit
+land.
+
+</p>
+<p>Patras, megalomaan als alle andere steden, trotsch op zijn belangrijkheid, schaamt zich over dezen staat van zaken; er is
+al lang sprake van, aan de stad eindelijk een station te schenken, dat beter aan de wassende behoeften voldoet; maar hier
+stuit men weer als altijd op die vervelende geldquaestie, die de mooiste plannen in den dop verstikt. Laat ons intusschen
+hopen, dat dit plan wordt verwezenlijkt, en dat een rijk inwoner van Patras door een edelmoedige schenking aan die dagelijksche
+vernedering een eind make, die telkens samenvalt met het vertrek van den exprestrein naar Athene.
+
+</p>
+<p>Toen ik kort daarna alleen was gelaten, ging ik de moderne hoofdstad van Achaja bekijken, die het tooneel is geweest van de
+ontscheping der Franken onder Villehardouin en Champlitte en die ook het eerst werd veroverd; ze is in het begin der vorige
+eeuw verwoest geworden, maar heeft zich snel weer opgericht en werd herbouwd naar een reusachtig plan. Daardoor lijkt ze nu
+nog bijna een doode stad ondanks den vluggen aanwas der bevolking. De straten, die met een liniaal getrokken schijnen, snijden
+elkaar alle rechthoekig naar het voorbeeld der amerikaansche steden; er loopen breede, marmeren trottoirs langs en er staan
+huizen met arcaden; groote, eenzame pleinen, overschaduwd door peperboomen, verbreken van tijd tot tijd de kunstmatige eentonigheid
+van die eeuwige rechte lijnen, evenwijdig met of loodrecht staande op de kust.
+
+</p>
+<p>Ik volg een der in laatstgenoemde richting loopende, de Sint-Nicolaasstraat, die in een zachte helling stijgt naar het venetiaansche
+kasteel, van waar men <a id="d0e697"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e697">276</a>]</span>een prachtig uitzicht heeft over de groote wijngaarden, die een rijkdom zijn van het land, over de golf van Lepanto, de kust
+van Aetoli&euml; en de Jonische eilanden. Er is trouwens niets bijzonder merkwaardigs in dien hoop van muren, waarvan het best
+bewaard gebleven gedeelte tegenwoordig als kazerne wordt gebruikt. Ik daal weer naar beneden door de straatjes van de hooge
+stad, waar ezeltjes, doorbuigend onder het te zware gewicht van manden, die hun tegen de zijden hangen, voortgedreven worden
+door kooplieden met groenten en vruchten. &#8220;Aurea kortaria, portokalia, hier zijn mooie groenten, oranjes!&#8221; roepen ze in de
+openstaande deuren der huizen, waar, voor hen maar al te dikwijls, slechts het geblaf van een hond hun antwoord geeft. Iets
+lager verdwijnen twee ongelukkige ezels onder den zwaren wirwar van takkebossen, die ze in den vroegen morgen al hebben gehaald;
+er zijn er zooveel op hun armen rug gestapeld, dat alleen de kop en de uiteinden der pooten te voorschijn komen uit het struikgewas,
+dat breeder is dan de rijtuigen, die moeten worden gepasseerd, een zonderlinge vertooning, enkele schreden verder verdwijnend
+in het dichte stof van den weg.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-276.jpg" alt="De muren van een oud venetiaansch paleis te Patras." width="684" height="425"><p class="figureHead">De muren van een oud venetiaansch paleis te Patras.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Het slaat op de douaneklok twaalf uur, als ik na de H. Andreaskerk te hebben bezocht en haar wonderdadige bron, eindelijk
+aan de haven kom, die beslist de eenige plek in de stad is, waar eenige levendigheid heerscht. Pas ben ik gezeten op het terras
+van een caf&eacute;, tevens restauratie van het hotel, of een heirleger van schoenpoetsers wil met alle geweld mijn schoenen ontdoen
+van het stof, dat erop ligt. Ik onderwerp mij, om er een eind aan te maken, en zet den voet op een der kistjes, dat zonder
+omslag v&oacute;&oacute;r mij wordt neergezet; maar er zijn nog geen vijf minuten verloopen sedert het einde der operatie, die inderdaad
+heel handig werd verricht, of andere loestroi, niet minder ondernemend, verbeelden zich, dat de bewerking wel weer van voren
+af aan kan beginnen. En gedurende al den tijd van mijn ontbijt houden diezelfde aanbiedingen aan, die even lastig als overbodig
+waren en waaraan eerst de komst van onzen consul een einde maakte. Ik ga in haast opstaan, en we gaan naar een ontginning
+van wijnbergen in de buurt, waarvan ik te veel goeds heb hooren zeggen, dan dat ik niet zou wenschen de exploitatie eens in
+oogenschouw te nemen.
+
+</p>
+<p>Die onderneming is op het getouw gezet door Duitschers ten tijde van de groote crisis in den wijnbouw door het optreden der
+phylloxera, toen de aandacht der verbruikers werd gevestigd op de grieksche wijngaarden. De wijn wordt er bereid naar europeesche
+voorschriften, dus zonder toevoeging van hars natuurlijk. De uitvoer is dan ook een voordeel geweest in de eerste jaren; al
+is hij langzamerhand afgenomen, toen de wijngaarden, die van de plaag geleden hadden, weer op hun verhaal kwamen, toch heeft
+de plaatselijke <span id="d0e708" class="corr" title="Bron: comsumptie">consumptie</span> zich gehandhaafd en is ook de verkoop in het Oosten zoo groot gebleven, dat er winst wordt behaald met de wijnen uit den
+Peloponnesus, die hier goed behandeld worden en die rijk zijn aan alcohol, als alle wijnen uit het Zuiden. Ik doorloop de
+kelders, die mij op kleiner schaal herinneren aan die van onze groote huizen te Bordeaux en in Champagne; ik passeer de enorme
+fusten, Bismarck en Moltke gedoopt, die de reserven van goede jaren bevatten, en ik luister met levendige belangstelling naar
+de technische bijzonderheden, die mij een helder inzicht geven in de goede economische vooruitzichten van dit land.
+
+</p>
+<p>Trouwens alles in Patras schijnt dat te beloven, en de geographische ligging der stad op de plaats, waar de vlakten uitmonden,
+die de vruchtbaarste deelen van den Peloponnesus zijn, zoowel als de aanzienlijke handelsbeweging in de haven, waar de meeste
+groote scheepvaartlijnen der Middellandsche Zee binnenkomen, wijzen erop. Ongelukkig ontmoet men hier, evenals in alle havens
+van het Oosten, een niet zeer prettig gezelschap. Op het tijdstip van mijn eerste jaren in Griekenland hadden wij nog niet
+met dit land het uitleveringstractaat gesloten, en Patras was de ingang van het beloofde land, waar bandieten als madame Humbert
+en haar beroemde bende, zeker waren van een veilige schuilplaats. Zoo waren de binnenlandsche rooverijen, die zoo goed als
+geheel onderdrukt waren door de gelukkige pogingen der regeering, vervangen door die van misdadige vreemdelingen, zonder bezwaar
+binnengelaten in de haven. Men zag er ontrouwe boekhouders aankomen, bezitters van groote geldsommen, die ze kalmweg verteerden
+onder de oogen van den consul, die er niets aan doen kon, en in gezelschap van een troep gewetenlooze menschen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 387px"><img border="0" src="images/p1909-277-1.jpg" alt="Een vrouw in haar rijkste gewaad." width="387" height="720"><p class="figureHead">Een vrouw in haar rijkste gewaad.</p>
+</div><p>
+
+<a id="d0e718"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e718">277</a>]</span></p>
+<p>Ik herinner mij, dat een van die belangwekkende personnages op een dag bijna geheel geplunderd werd door den advocaat, aan
+wien hij zijn geldelijke belangen had opgedragen; maar heel natuurlijk wendde hij zich niet tot onze legatie,&#8212;want het was
+een Franschman,&#8212;om te trachten weer in het bezit te worden gesteld van het geld, dat hij zelf had gestolen! Hoe kan men zich
+trouwens verbazen over de bijna volkomen straffeloosheid, waarvan die schurken profiteerden, als de politie-autoriteiten zelven
+het voorbeeld gaven? Een zekere prefect van politie uit Athene, die eens tot eenige maanden gevangenisstraf was veroordeeld,
+die hij ook ongestoord uitzat, kan gerust beschouwd worden als een oorzaak, dat eenvoudige burgers, om zoo te zeggen, verontschuldigd
+worden, als ze de gewetensbezwaren over boord werpen, die hen zouden kunnen terughouden van een oneerlijke zaak, waaruit ze
+echter groote voordelen hoopten te trekken.
+
+</p>
+<p>Hoe het zij, zulke schandalen behooren nu bijna geheel tot het verleden; Griekenland heeft begrepen, dat het zijn goeden naam
+in de waagschaal stelde, en nieuwe uitleveringstractaten hebben in de laatste jaren het recht doen zegevieren. Maar de bevolking
+der havens is daardoor nog niet veel verbeterd; die levert nog aan de onruststokers, en aan de politieke personen, die tegenstanders
+van de regeering zijn, de troepen, die ze noodig hebben. Zij, die zich ontschepen in den Piraeus, in Patras of in Syra, kennen
+die volksbetoogingen, die van tijd tot tijd in die plaatsen tot bloedige tooneelen aanleiding geven, en wat ik ervan zie dezen
+avond, is waarlijk niet geschikt, mij vertrouwen in te boezemen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 391px"><img border="0" src="images/p1909-277-2.jpg" alt="Griek met arabesken op zijn buis." width="391" height="720"><p class="figureHead">Griek met arabesken op zijn buis.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Zoo blijf ik den geheelen avond het gewoel aan de haven gadeslaan, waar krachtige vuurtorens beginnen te stralen, en waar
+van tijd tot tijd zich de stoomfluit laat hooren van de eene of andere vertrekkende paketboot. Terwijl de mooie electrische
+trams heen en weer rijden, de moderne opvolgers van de oude rijtuigen, getrokken door drie magere paarden en in de nieuwere,
+in de laatste halve eeuw met veel woorden verrijkte taal hipposiderodromoi genoemd, wandelen de elegante dames van Patras,
+zeer aardig gekleed, op de esplanade en laten vriendelijk haar persoontjes bewonderen en de sierlijkheid van haar toilet.
+Al hebben ze niet allen de <a id="d0e730"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e730">278</a>]</span>plastische schoonheid van de antieken, die enkele van haar voorouders voor altijd beroemd hebben gemaakt, toch moet erkend,
+dat ze over het algemeen zeer gracieus zijn en dikwijls ook mooi, met haar mat teint, het aangename ovaal van haar gezichten
+en de groote zwarte oogen, die ze stoutmoedig op de mannen vestigen.
+
+</p>
+<p>Daar ze nog al coquet zijn, volgen ze onze modes vooral in de uitersten, want de grieksche vrouw is een aardig poppetje, die
+er niet tegen opziet, aan haar toilet het grootste deel harer uitgaven te besteden en ook niet, om &#8217;s avonds niets anders
+te nuttigen dan olijven en een bescheiden ragoutje. Zij legt op die manier en op hare wijze haar voorkeur aan den dag voor
+het leven naar buiten, dat in de hoofdsteden zoo duidelijk aan den dag treedt, vooral in de minder heete avonduren, als de
+heele bevolking wandelt op de fashionabele promenade.
+
+</p>
+<p>Een stralende morgenzon verlicht met haar stralen de reeds drukke haven, als ik den volgenden dag Patras verlaat met den eersten
+trein van dien dag. Daar verschijnt, nadat we de moerassige streken zijn doorgereden, waar de berg Vo&iuml;da zich verheft, de
+ingang van de baai, voorbij welke de golf van Korinthe begint, en die ingesloten wordt tusschen de beide kapen met aan elken
+kant de versterkte vestingen, de oude kasteelen van Roemeli&euml; en Morea, thans in puin liggend. De doorvaart, waarvan de breedte
+in den loop der eeuwen heeft afgewisseld, is smaller geworden door een zandig strand, dat zich zeer ver uitstrekt en dat de
+golf tot een lange binnenzee dreigt te maken. De weg gaat dicht langs de kust en moet elk oogenblik over stroompjes gaan,
+die nog niet geheel droog zijn in dezen tijd van het jaar, en op welker oevers wijn wordt verbouwd. Nog een kaap, en op een
+hoogvlakte, met cactussen begroeid, die steil naar zee afdaalt, ligt de oude stad Aegion, waar ik mij voorstel de rest van
+den morgen door te brengen.
+
+</p>
+<p>De handel in krenten van uitstekende hoedanigheid heeft van de plaats een der belangrijkste steden van den Peloponnesus gemaakt;
+magazijnen en entrepots, ingericht in natuurlijke grotten aan den voet der rotsen, liggen dicht bij den spoorweg en de haven,
+daarvan alleen door een smal strand gescheiden. Ofschoon niet heel druk in dezen tijd van het jaar, klinken er hamerslagen
+en wordt er gewerkt aan het maken van duizenden kleine kisten, bestemd, om den oogst van het jaar te ontvangen. Ik wensch
+van harte voor die brave lieden, dat ze er binnen enkele maanden vele zullen kunnen vullen. Door een lange straat als een
+trap, herinnerend aan die van Montmartre, bereik ik de hooger gelegen wijken en bewonder voor de zooveelste maal het prachtige
+panorama van de bergen van Phocis, die in de zuivere lucht schijnen te trillen, aan de overzij van de blauwe golf; de baaien
+worden rond als sierlijke schelpen, steile kapen vallen in zee, en het majestueuze hoofd van den Parnassus, dat boven alle
+andere uitsteekt, weerkaatst zich in de baai van Salona, door roode rotsen omzoomd.
+
+</p>
+<p>Hier is er weer feestvreugde onder de bewoners, want ik kom talrijke groepen tegen in feestgewaad; het schijnt, dat de verjaring
+wordt gevierd van den een of anderen plaatselijken heilige, aan wien men echter veel minder schijnt te denken dan aan de traditioneele
+trata, de vreugde van schieten en zingen. Maar ik heb geen tijd meer, om naar het station af te dalen, waar de tweede en laatste
+trein naar Korinthe wel spoedig zal passeeren. Al gauw gaat hij voorbij en ik herken het lawaai van de passage over een ijzeren
+brug, waar een riviertje, dat van den Erymanthos is neergedaald, onder door stroomt. De berg sluit het dal af. Een half uur
+later zal de trein aan het station Diakoptho zijn tegenover de diepe kloof, waarin het beroemde klooster van Megaspileon is
+gelegen.
+
+</p>
+<p>Dit is het laatste uitstapje van mijn reis, en ik moet kiezen, als ik v&oacute;&oacute;r den nacht ter plaatse wil zijn, of ik de epileptische
+sprongen wil genieten van een tandradspoortje of de hortende schokken van een ezel. Als ik de stooten met elkander vergelijk,
+geef ik nog de voorkeur aan de laatste, die onder andere voordeelen ook dit hebben, dat zij mij een rijdier bezorgen, waarmee
+ik morgen naar Diakoptho kan gaan, zonder dat ik in het klooster zal moeten wachten op den eenigen trein van den dag. Ik dring
+dus zonder verder dralen in de woeste kloof, die slechts eenige schreden van de zee verwijderd is. Eerst vind ik er mooie
+olijfboschjes, dan rijst de weg onder eiken in een warreling van myrten en andere planten van doordringenden geur. De schuimende
+golven van de Erasinos breken op de enorme steenen, die ten gevolge van den een of anderen schok losgeraakt zijn van den hemelhoogen
+wand van rotsen, die over den stroom hangt. Het in de rots gehouwen voetpad stijgt nu eens ver boven de bedding van de rivier,
+welker geruisch nog slechts heel uit de verte en verzwakt ons oor bereikt, en daalt dan weer plotseling tot vlak bij het water.
+
+</p>
+<p>Het profiel van een oude vrouw, die kastanjes inzamelt onder de boomen, komt tusschen de steenen te voorschijn, en de reeds
+dalende zon bereikt al niet meer de diepte der kloof.... &#8220;Grigora, gauw, gauw!&#8221; herhaalt onophoudelijk de agoyate, die zooveel
+haast schijnt te hebben, dat wij ons zelfs niet ophouden in het dorp Zakhloroe. Nog een zware stijging, en eensklaps verschijnt
+tusschen de zwarte lijnen, die den berg Cyllenus bedekken, verrassend het groote klooster, terwijl de klok in de verlaten
+eenzaamheid zich laat hooren.
+
+</p>
+<p>Hoewel het reeds laat is, kan ik nog goed de zonderlinge groepeering onderscheiden van de vele gebouwen, omgeven door een
+muur van meer dan honderd meter. De gevel van het hoofdgebouw van metselwerk en hout opgetrokken, vertoont vijf verdiepingen
+van vensters. Overal zijn er houten galerijen aangebracht en wankele balkons, die in de lucht schijnen te zweven, onregelmatige,
+blauwgekleurde, en vermolmde koepels, of wel witte en roode, die als zwaluwnesten tegen den wand aankleven. De aanblik is
+niet mooi, want het geheel is vervallen en vuil van dit klooster, door de byzantijnsche keizers in de achtste eeuw gesticht,
+en het maakt een vreemden indruk in het laatste licht van den dag, nog te kijken door de dennen, die den berg kronen. Met
+beide handen v&oacute;&oacute;r den mond, richt de agoyate tot de monniken een plechtig geroep; ik hoor het <a id="d0e746"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e746">279</a>]</span>geluid van een venster, dat geopend wordt; een stem is eenige oogenblikken aan het onderhandelen, zonder dat ik in het minst
+kan vermoeden, waar ze vandaan komt; maar ik begin er toch uit te begrijpen, dat ik welkom ben en dat ik uitgenoodigd word,
+om binnen te komen en de buitentrap op te gaan. Dat is de hoofdzaak; maar het vooruitzicht, hier te logeeren, lacht mij niet
+toe. E&eacute;n voor &eacute;&eacute;n beklim ik nu de wankele treden, die meer of minder stevig aan den rotswand zijn bevestigd en uitkomen bij
+een groote poort, van schietgaten voorzien. Er worden grendels weggetrokken, kettingen vallen neer en de deur draait eindelijk
+op haar verroeste hengsels.
+
+</p>
+<p>Het schijnt, dat oudtijds de reizigers genoodzaakt werden, hun wapens in handen van den portier te laten, eer ze een pas binnen
+in het klooster mochten zetten; die voorzichtigheid werd verklaard door het feit, dat het klooster alleen door list kon worden
+vermeesterd, en de geslachten van monniken, die elkaar opvolgen, hebben elkander vroom dat consigne overgeleverd, tot nog
+voor zeer korten tijd, die samenvalt met het verdwijnen van het rooverswezen. Maar tegenwoordig komt een vriendelijk &#8220;Kalos
+crisete&#8221; uit een gastvrijen mond van een geestelijke met een vilten muts, een kaars in de hand, die mij dadelijk door een
+doolhof van cellen, trappen en galerijen, die in de diepte der rots zijn gebouwd, naar een vijfde verdieping geleidt in een
+groote, leege eerezaal, naar het schijnt de salon van den bisschop.
+
+</p>
+<p>Deze verschijnt weldra; zijn sympathiek gezicht van schoonen grijsaard, omlijst door een langen, witten baard, glimlacht,
+terwijl hij mij hartelijk begroet. Wij praten nu eens in het Grieksch, dan in het Fransch, dat mijn gastheer vroeger een weinig
+heeft bestudeerd. Hij betreurt het, dat zijn klooster zoo vervallen is, en dat de bevolking onophoudelijk vermindert, zoo
+erg, dat de meesten der cellen thans onbezet zijn. Beroofd van zijn beste inkomsten door de jongste wetten, van zijn gezag
+beroofd door de verslapping van de tucht en door de domheid van zijn monniken, zal het klooster van den Megaspileon, eertijds
+het rijkste en voorspoedigste van Griekenland, in puin vallen, en zijn totale verdwijning is misschien, zoo zei mij treurig
+de priester, slechts een quaestie van jaren.
+
+</p>
+<p>Hetzelfde feit heeft mij getroffen, toen ik vroeger de beroemde kloosters van de Meteoren in Thessali&euml; bezocht, waar de regel
+van den Heiligen Basilius, die oudtijds hun kracht uitmaakte, nauwelijks meer toegepast wordt in onze dagen. Daar brengen,
+evenals hier, de monniken hun dagen in ledigheid door; hun luiheid is voorbeeldeloos en het komt hun bijna nooit in de gedachte,
+zich met handenarbeid bezig te houden of aan werk met den geest hun tijd te wijden<span id="d0e754" class="corr" title="Niet in bron">.</span> De regeering heeft gelukkig die instellingen dan ook tot een wissen dood veroordeeld, omdat ze nadeel toebrengen aan de eer
+van het land en kweekplaatsen zijn van onzedelijkheid.
+
+</p>
+<p>Onder het gesprek waren enkele leden van het kapittel binnen gekomen in de blauw verlichte zaal; andere monniken komen achter
+hen aan, dragers van schotels, waarop de ingewanden van schapen liggen te rooken, gebraden op een houtvuur. Ik raak er nauwelijks
+aan, want die ragout, die een eigenaardigen geur verspreidt, is al zoo weinig aanlokkelijk mogelijk, en ik doe des te meer
+eer aan de glyco of confituren, die onmiddellijk voorafgaan aan de onvermijdelijke koffie. De bisschop, die volstrekt wilde
+dat ik aan den maaltijd deel zou nemen, welke hem daarna afzonderlijk zou worden voorgezet, dwong mij, om zonder groote geestdrift
+mij weer over te geven aan een nieuwe gastronomische kwelling, terwijl een eenvoudig blikje sardines en een stuk brood, die
+ik zorgvuldig had bewaard, mij vrij wat beter zouden hebben gesmaakt.
+
+</p>
+<p>Intusschen vroeg ik de kerk te mogen zien, die gewijd was evenals het klooster aan Maria Hemelvaart. Ik werd daar naar een
+<span id="d0e761" class="corr" title="Bron: mis">nis</span> gebracht, waar het wonderdoende beeld werd bewaard van de H. Maagd, dat door de traditie aan den H. Lucas wordt toegeschreven
+en welker macht ten tijde van den Onafhankelijkheidsoorlog de Turken deed aftrekken. Het is er koud als in een kelder, en
+de kille vochtigheid binnen in de kapel, die in de rots is uitgehouwen, verklaart, hoe de wanden hier en daar met mos zijn
+bedekt en hoe het houtwerk overal schimmels vertoont. Eenige oude moza&iuml;eken, die geheel groen uitgeslagen zijn, vormen den
+vloer van het schip der kerk, en mijn schaduw glijdt erover bij het flikkerend licht der kaarsen. Wat een ellende en welk
+een droevig verval!
+
+</p>
+<p>Met een waarlijk gul gemoed werp ik in de bus, die daarvoor dient, de offerande, waar de ongelukkige monniken niet ongevoelig
+voor zijn, en langs een nog vermolmder trap dan de vorige bereiken wij, mijn gidsen en ik, de reusachtige kelders, die diep
+onder den grond liggen. Hun goede naam reikte vroeger zeer ver, want in den tijd van den bloei van het klooster werden er
+groote hoeveelheden bewaard van een wijn, die beroemd was door het geheele land. Thans liggen er nog vaten en fusten van enormen
+omvang langs de muren; maar ze bevatten slechts den bescheiden crassi resinato, die voldoet aan de tegenwoordige behoeften
+der gemeenschap.
+
+</p>
+<p>En wij gaan weer naar de bovenverdiepingen door cellen heen, waar vier of vijf monniken dommelen op hun bedden; ook laat men
+mij nog een vertrek zien, dat als een moesjarabieh gebouwd is over den stroom; het is de bibliotheek, waarvan de vensters
+op den tuin uitzien. Ik blader er in een paar theologische werken, die door elkander liggen in hun kisten met oude perkamenten,
+welke de ratten naar hun smaak moeten vinden, te oordeelen naar den beklagenswaardigen toestand waarin ze zich bevinden, en
+eindelijk zijn we in den salon van den bisschop terug, waar het avondeten ons wacht.
+
+</p>
+<p>Mijn gastheer heeft aan zijn tafel ook den monnik genoodigd, die mij door het klooster heeft begeleid, en verontschuldigingen
+makend over de bescheidenheid van het maal, verzoekt hij mij tegenover hem plaats te nemen.
+
+</p>
+<p>Zou ik wezenlijk aan de grieksche keuken wennen? Zeker is het, dat ik eer bewijs aan de tomatensoep, waar groote sneden ma&iuml;sbrood
+in drijven, aan den pilau met gestremde melk en vooral aan het lamsvleesch, gekruid met smakelijke toekruiden. Onder den maaltijd
+liet ik mij verleiden, mijn gastheer een verhaal te doen over een ervaring, die ik pas had <a id="d0e772"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e772">280</a>]</span>gehad. Het was de volgende. Toen ik op een avond langs een verschrikkelijk slechten weg mij naar het station Kalabaka begaf,
+waar ik den trein naar Volo moest nemen, bemerkte ik plotseling, dat mijn horloge en ketting, twee familiesouvenirs, waar
+ik bijzonder veel aan hechtte, verdwenen waren. Er aan wanhopende, ze nog terug te zullen krijgen en ze te vinden onder de
+struiken en niet veel lust hebbend, de agoyaten en gendarmen, die mij vergezelden, in vertrouwen te nemen, haastte ik mij,
+bij aankomst dadelijk mijn verlies aan den stationschef mede te deelen. Deze, agent van een half fransche maatschappij, die
+van de thessalische spoorwegen, liet een agoyate op zijn kantoor komen en een gendarme, wier oogen schitterden op het hooren
+van de beloofde belooning. Nauwelijks waren de noodige aanwijzingen gegeven, of ze gingen beiden als pijlen uit bogen heen
+naar den weg over de bergen, zonder zich te bekommeren om hun metgezellen, die verbaasd toekeken en die met opzet niet op
+de hoogte waren gebracht.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-280-1.jpg" alt="Opgravingen in den Zeustempel." width="684" height="465"><p class="figureHead">Opgravingen in den Zeustempel.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>En ik sloeg vol onrust den weg naar Athene in. Maar ik was nog niet te Volo aangekomen, of een telegram berichtte mij, dat
+mijn bezit in een holte van de rotsen was teruggevonden, waarin het zeker was terechtgekomen bij de huppelende sprongen van
+den muilezel. Den volgenden dag was het weer in mijn handen en ik haastte mij, mijn schuld af te doen. Ik had mijn blijdschap
+zeker in lyrische termen geuit, want de begiftigden, trotsch op den hun toegezwaaiden lof, haastten zich, mijn brief te publiceeren
+in een Thessalische courant met het uitvoerig verhaal van mijn ongeluk. Van Volo ging het nieuwtje naar Athene, waar de pers
+zich er ook van meester maakte, om de helleensche eerlijkheid te prijzen, die zoo onrechtvaardig wel eens in twijfel wordt
+getrokken, en ik genoot sinds dien een luiden roep van philhellenisme, die mij geen nadeel deed. Na de koffie wordt de narghil&eacute;
+gebracht, en toen die eindelijk was uitgegaan, was het laat geworden en daar ik al om vier uur in den morgen weer op weg wilde
+gaan, neem ik afscheid van mijn gastheer en laat een klein sommetje achter, om, zoo mogelijk, zijn klooster te helpen in stand
+te houden; daarna ga ik naar mijn kamer, versierd met geweren, degens en tapijten, om er te rusten, tot de agoyate aan mijn
+deur komt kloppen met de mededeeling, dat het tijd is, ons weer op weg te begeven.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1909-280-2.jpg" alt="Het Heraion te Olympia." width="679" height="459"><p class="figureHead">Het Heraion te Olympia.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Dienzelfden avond kom ik in Athene terug, na nog eens weer de landengte van Korinthe te zijn overgegaan. Eenige maanden later
+verliet ik voor goed Griekenland en nam in mijn hart naar de nevelen van het Noorden, waar het lot mij heen riep, de herinnering
+mee aan de schoone horizons en het heerlijke licht van het zuidelijke land.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/o1909-160.gif" alt="Ornament." width="310" height="19"></div><p>
+
+
+
+</p>
+</div>
+</div>
+<div class="back">
+<div class="transcribernote">
+<h2>Colofon</h2>
+<h3>Beschikbaarheid</h3>
+<p>Dit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het
+kopi&euml;ren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie bij dit eBoek of on-line op <a href="http://www.gutenberg.org/">www.gutenberg.org</a>.
+
+</p>
+<p>Dit eBoek is geproduceerd door Jeroen Hellingman en het on-line gedistribueerd correctie team op <a href="http://www.pgdp.net/">www.pgdp.net</a>.
+
+</p>
+<p lang="en">This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give
+it away or re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at <a href="http://www.gutenberg.org/">www.gutenberg.org</a>.
+
+</p>
+<p lang="en">This eBook is produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed Proofreading Team at <a href="http://www.pgdp.net/">www.pgdp.net</a>.
+
+</p>
+<h3>Codering</h3>
+<p>Dit bestand is in een verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren. Afgebroken woorden aan het einde
+van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn gecorrigeerd. Dergelijke correcties zijn
+gemarkeerd met het corr-element.
+
+</p>
+<p>Hoewel in het origineel laag liggende aanhalingstekens openen gebruikt, zijn deze in dit bestand gecodeerd met &#8220;. Geneste
+dubbele aanhalingstekens zijn stilzwijgend veranderd in enkele aanhalingstekens.
+
+</p>
+<h3>Documentgeschiedenis</h3>
+<ol class="lsoff">
+<li>25-JAN-2008 begonnen.
+
+</li>
+</ol>
+<h3>Verbeteringen</h3>
+<p>De volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:</p>
+<table width="75%">
+<tr>
+<th>Plaats</th>
+<th>Bron</th>
+<th>Verbetering</th>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e178">Bladzijde 142</a></td>
+<td width="40%">vastlandsche</td>
+<td width="40%">vastelandsche</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e195">Bladzijde 143</a></td>
+<td width="40%">Palaeo-Corinthos</td>
+<td width="40%">Palaeo-Korinthos</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e323">Bladzijde 151</a></td>
+<td width="40%">Itsch-Kal&egrave;</td>
+<td width="40%">Itsch-Kal&eacute;</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e336">Bladzijde 152</a></td>
+<td width="40%">Nicolaos</td>
+<td width="40%">Nikolaos</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e416">Bladzijde 156</a></td>
+<td width="40%">Enrotas</td>
+<td width="40%">Eurotas</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e528">Bladzijde 266</a></td>
+<td width="40%">nitzien</td>
+<td width="40%">uitzien</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e544">Bladzijde 267</a></td>
+<td width="40%">tegelijkerlijd</td>
+<td width="40%">tegelijkertijd</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e633">Bladzijde 272</a></td>
+<td width="40%">triomfankelijk</td>
+<td width="40%">triomfantelijk</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e646">Bladzijde 273</a></td>
+<td width="40%">Boezie</td>
+<td width="40%">Boezi</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e708">Bladzijde 276</a></td>
+<td width="40%">comsumptie</td>
+<td width="40%">consumptie</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e754">Bladzijde 279</a></td>
+<td width="40%">
+[<i>Niet in bron</i>]
+
+</td>
+<td width="40%">.</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e761">Bladzijde 279</a></td>
+<td width="40%">mis</td>
+<td width="40%">nis</td>
+</tr>
+</table>
+</div>
+</div>
+
+
+
+
+
+
+
+<pre>
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's Om en door den Peloponnesus, by B. de Jandin
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK OM EN DOOR DEN PELOPONNESUS ***
+
+***** This file should be named 24448-h.htm or 24448-h.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/2/4/4/4/24448/
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
+
+
+</pre>
+
+</body>
+</html>
diff --git a/24448-h/images/ia1909-137.gif b/24448-h/images/ia1909-137.gif
new file mode 100644
index 0000000..2c80f2d
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/ia1909-137.gif
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/ie1909-265.gif b/24448-h/images/ie1909-265.gif
new file mode 100644
index 0000000..225f5a2
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/ie1909-265.gif
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/o1909-160.gif b/24448-h/images/o1909-160.gif
new file mode 100644
index 0000000..d3d1262
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/o1909-160.gif
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-137.jpg b/24448-h/images/p1909-137.jpg
new file mode 100644
index 0000000..190bff2
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-137.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-139.jpg b/24448-h/images/p1909-139.jpg
new file mode 100644
index 0000000..b421236
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-139.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-140.jpg b/24448-h/images/p1909-140.jpg
new file mode 100644
index 0000000..e8cafa4
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-140.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-141.jpg b/24448-h/images/p1909-141.jpg
new file mode 100644
index 0000000..445107d
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-141.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-144.jpg b/24448-h/images/p1909-144.jpg
new file mode 100644
index 0000000..0b15c76
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-144.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-145.jpg b/24448-h/images/p1909-145.jpg
new file mode 100644
index 0000000..d741eef
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-145.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-148.jpg b/24448-h/images/p1909-148.jpg
new file mode 100644
index 0000000..6e4e936
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-148.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-149-1.jpg b/24448-h/images/p1909-149-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..f4de2d8
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-149-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-149-2.jpg b/24448-h/images/p1909-149-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..9477722
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-149-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-152-1.jpg b/24448-h/images/p1909-152-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..d0381a1
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-152-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-152-2.jpg b/24448-h/images/p1909-152-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..c1c5f16
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-152-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-153.jpg b/24448-h/images/p1909-153.jpg
new file mode 100644
index 0000000..26255e4
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-153.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-156-1.jpg b/24448-h/images/p1909-156-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..02152df
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-156-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-156-2.jpg b/24448-h/images/p1909-156-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..add52db
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-156-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-157-1.jpg b/24448-h/images/p1909-157-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..f620edd
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-157-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-157-2.jpg b/24448-h/images/p1909-157-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..d191399
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-157-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-160.jpg b/24448-h/images/p1909-160.jpg
new file mode 100644
index 0000000..13bb991
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-160.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-265.jpg b/24448-h/images/p1909-265.jpg
new file mode 100644
index 0000000..1c22554
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-265.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-268.jpg b/24448-h/images/p1909-268.jpg
new file mode 100644
index 0000000..852606a
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-268.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-269-1.jpg b/24448-h/images/p1909-269-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..c5bfeaa
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-269-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-269-2.jpg b/24448-h/images/p1909-269-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..0b230a3
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-269-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-272.jpg b/24448-h/images/p1909-272.jpg
new file mode 100644
index 0000000..0872da6
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-272.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-273.jpg b/24448-h/images/p1909-273.jpg
new file mode 100644
index 0000000..44ff87d
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-273.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-276.jpg b/24448-h/images/p1909-276.jpg
new file mode 100644
index 0000000..2ab6c1d
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-276.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-277-1.jpg b/24448-h/images/p1909-277-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..cb9d68c
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-277-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-277-2.jpg b/24448-h/images/p1909-277-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..bf0d639
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-277-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-280-1.jpg b/24448-h/images/p1909-280-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..9b63f43
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-280-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/24448-h/images/p1909-280-2.jpg b/24448-h/images/p1909-280-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..1239a4b
--- /dev/null
+++ b/24448-h/images/p1909-280-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt
new file mode 100644
index 0000000..6312041
--- /dev/null
+++ b/LICENSE.txt
@@ -0,0 +1,11 @@
+This eBook, including all associated images, markup, improvements,
+metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be
+in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES.
+
+Procedures for determining public domain status are described in
+the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org.
+
+No investigation has been made concerning possible copyrights in
+jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize
+this eBook outside of the United States should confirm copyright
+status under the laws that apply to them.
diff --git a/README.md b/README.md
new file mode 100644
index 0000000..05a3bbb
--- /dev/null
+++ b/README.md
@@ -0,0 +1,2 @@
+Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for
+eBook #24448 (https://www.gutenberg.org/ebooks/24448)