summaryrefslogtreecommitdiff
diff options
context:
space:
mode:
-rw-r--r--.gitattributes3
-rw-r--r--23341-8.txt2347
-rw-r--r--23341-8.zipbin0 -> 51298 bytes
-rw-r--r--23341-h.zipbin0 -> 1336206 bytes
-rw-r--r--23341-h/23341-h.htm2648
-rw-r--r--23341-h/images/o1907-272.gifbin0 -> 248 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-249-1.jpgbin0 -> 65943 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-249-2.jpgbin0 -> 23984 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-252.jpgbin0 -> 101463 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-253.jpgbin0 -> 105864 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-256.jpgbin0 -> 83367 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-257.jpgbin0 -> 157758 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-260-1.jpgbin0 -> 69500 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-260-2.jpgbin0 -> 71580 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-261-1.jpgbin0 -> 71456 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-261-2.jpgbin0 -> 116352 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-264.jpgbin0 -> 109302 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-265.jpgbin0 -> 61559 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-268.jpgbin0 -> 77903 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-269.jpgbin0 -> 88768 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-272-1.jpgbin0 -> 37744 bytes
-rw-r--r--23341-h/images/p1907-272-2.jpgbin0 -> 37010 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p032a.pngbin0 -> 119092 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p032b.pngbin0 -> 76253 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p032c.pngbin0 -> 55480 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p033a.pngbin0 -> 123800 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p033b.pngbin0 -> 119780 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p034a.pngbin0 -> 119768 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p034b.pngbin0 -> 114814 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p035a.pngbin0 -> 202019 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p035b.pngbin0 -> 163750 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p036.pngbin0 -> 357972 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p037a.pngbin0 -> 120995 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p037b.pngbin0 -> 122307 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p038a.pngbin0 -> 121222 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p038b.pngbin0 -> 120501 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p039.pngbin0 -> 306345 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p040a.pngbin0 -> 106994 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p040b.pngbin0 -> 91472 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p041a.pngbin0 -> 120576 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p041b.pngbin0 -> 122563 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p042.pngbin0 -> 126304 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p042b.pngbin0 -> 121746 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p043.pngbin0 -> 334166 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p044.pngbin0 -> 251533 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p045a.pngbin0 -> 124625 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p045b.pngbin0 -> 123228 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p046.pngbin0 -> 318082 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p047.pngbin0 -> 259828 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p048.pngbin0 -> 117433 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p137a.pngbin0 -> 57357 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p137b.pngbin0 -> 84571 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p138a.pngbin0 -> 118452 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p138b.pngbin0 -> 123313 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p139a.pngbin0 -> 127509 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p139b.pngbin0 -> 129098 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p140.pngbin0 -> 272713 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p141.pngbin0 -> 291931 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p142a.pngbin0 -> 121030 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p142b.pngbin0 -> 124461 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p143.pngbin0 -> 256805 bytes
-rw-r--r--23341-page-images/p144.pngbin0 -> 257797 bytes
-rw-r--r--LICENSE.txt11
-rw-r--r--README.md2
64 files changed, 5011 insertions, 0 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes
new file mode 100644
index 0000000..6833f05
--- /dev/null
+++ b/.gitattributes
@@ -0,0 +1,3 @@
+* text=auto
+*.txt text
+*.md text
diff --git a/23341-8.txt b/23341-8.txt
new file mode 100644
index 0000000..d3ce1cc
--- /dev/null
+++ b/23341-8.txt
@@ -0,0 +1,2347 @@
+The Project Gutenberg EBook of De monumenten van den Girnar, by D. Menant
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: De monumenten van den Girnar
+ De Aarde en haar Volken, 1907
+
+Author: D. Menant
+
+Release Date: November 5, 2007 [EBook #23341]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE MONUMENTEN VAN DEN GIRNAR ***
+
+
+
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+
+
+
+
+
+
+DE MONUMENTEN VAN DEN GIRNAR. [1]
+
+Naar het Fransch van Mlle D. Menant.
+
+
+Ahmedabad is een stad in Voor-Indië, die ik meermalen heb mogen
+bezoeken. Het eerst kwam ik er in Februari 1901 op weg naar
+het schiereiland Kathiawar of Goedsjerat. Ik was toen van ziekte
+herstellende en het was mijn eerste uitgang na het verlaten van het
+hospitaal te Surate, waar een ongeluk met een rijtuig, dat mij te
+Baroda was overkomen, mij de geheele maand Januari had vastgehouden.
+
+Ik was naar Indië gegaan, om mijn studiën te voltooien over de
+Parsi-gemeenten in het Presidentschap Bombay, en mijn reis door
+Goedsjerat was er door afgebroken. Voordat ik die nu vervolgde, maakte
+ik van het verlof der geneesheeren gebruik, om de mooie tempels te gaan
+bewonderen op den Girnar en den Açokasteen, interessante monumenten van
+Hindoes en Dsjain, de secte, wier leerstellingen zooveel op die van het
+Hindoeïsme lijken. Die tocht was een aangename afleiding na de sombere
+overpeinzingen, waaraan ik mij in mijn hospitaalkamer had overgegeven.
+
+Ahmedabad ligt 300 mijlen ten noorden van Bombay aan den spoorweg
+Bombay-Baroda en Centraal-Indië. Het is het kruispunt van de lijnen
+uit Rajpoetana, en de reizigers voor den Aboeberg, en voor Agra en
+Delhi veranderen er van trein.
+
+Wij kwamen in den vroegen morgen aan in het reusachtig station, vol
+met inlandsche arbeiders, die in de zalen heen en weer liepen en op
+het perron, waar ze den nacht hadden doorgebracht, ineengedoken onder
+hun dekens, luidruchtig wakker werden.
+
+Wij zouden in groote verlegenheid zijn geweest zonder de hulp van een
+vriend, den heer Ginwalla, die ons kwam zeggen, dat de _Travellers'
+Quarters_ bezet waren door de leden van de Hongersnoodcommissie
+en dat hij ons ten zijnent gastvrijheid aanbood, een uitnoodiging,
+die wij met de grootste dankbaarheid aanvaardden.
+
+Wij konden slechts over een enkelen dag beschikken, daar we
+den volgenden te Rajkot werden verwacht; dus was de tijd al
+spoedig gevuld. De stad, die in de 15de eeuw door sultan Ahmed is
+gesticht, bloeide in de eerste eeuwen van haar bestaan en wordt door
+historieschrijvers en reizigers om het zeerst geprezen om haar citadel,
+haar moskeeën, haar paleizen en tuinen, waar fonteinen sprongen,
+en haar breede straten, waar tien rijtuigen elkaar konden passeeren
+in een enkele rij.
+
+De heerschappij der Mahratten in de 17de en 18de eeuw heeft haar
+geen goed gedaan, en eerst onder engelschen invloed is Ahmedabad weer
+meer vooruitgegaan. Wij brachten het eerst een bezoek aan het fort,
+het grootste van geheel Indië, bijna als een stad op zich zelf. Aan
+den eenen kant worden de muren bespoeld door de rivier Sabarmati en
+aan den anderen strekt zich een wijde vlakte uit. Van de terrassen
+heeft men een prachtig uitzicht.
+
+De moskee Djamé Mesdjisj was in de hoofdstraat. De nauwe ingang werd
+nog versperd door bedelaars, en een rondtrekkend koopman had zijn
+pijpen uitgestald op de treden van de trap; maar als men, na zijn
+schoenen te hebben uitgetrokken, binnen is gegaan, komt men in een
+nieuwe wereld en verdwaalt bijna tusschen de massa hooge zuilen. Vol
+schroom doolden wij te midden van de oostersche pracht, waarvan de
+bijzonderheden niet te onderscheiden waren in het halfdonker, dat
+met een zacht, blauwachtig waas was doortrokken. De moskee neemt den
+westkant in van een groot plein en heeft haar vijf koepels behouden,
+maar de minarets, die in 1819 bij een aardbeving zijn verwoest, zijn,
+jammer genoeg, niet herbouwd.
+
+Wij zetten onze wandeling langs verlaten kloosters voort in de
+brandende middagzon, die op de steenen brandde, en waaraan we ons
+haastten te ontkomen door een poort, leidend naar het praalgraf
+van Ahmed. Het was een massief gebouw met een koepel, verlicht door
+vensters met prachtige opengewerkte kozijnen, zooals we ook elders
+in Goedsjerat zagen en voor welk werk de kunstenaars uit die streek
+beroemd waren. Op het graf worden op sommige gedenkdagen door Hindoes
+en Mohammedanen, getrouw aan de nagedachtenis van hun roemrijken vorst,
+bloemen gebracht, en op den dag van ons bezoek lagen er verwelkte rozen
+op het marmer. Naast den souverein slapen zijn zoons en kleinzoons,
+en iets verder zijn vrouwen. Door een kloostergang, een soort van
+gaanderij met wanden van opengewerkt marmer komt men bij de graven
+van de beide vrouwen Moghalaï Bibi in een sarcofaag van wit marmer,
+en de andere, Moerki Bibi in een prachtgraf van zwart marmer, met
+parelmoer ingelegd. Daar dicht bij hadden andere, minder begunstigde
+echtgenooten eenvoudiger rustplaatsen. Het was een bekoorlijk plekje
+vol licht en glans, waar de gedachte aan dood en sterven aan niets
+sombers verbonden was, zoo geheel anders dan bij de lijkentorens van
+de Parsi's en de brandstapels der Hindoes.
+
+Tegen den avond gingen we een bezoek afleggen bij den commissioner
+general, den heer Lely en Mevrouw Lely. Wij vernamen, dat Mevrouw
+reeds vertrokken was naar de Parsifamilie, waar ook wij genoodigd
+waren tot het bijwonen van het huwelijk van den zoon, en onze gastheer
+geleidde ons toen naar de Kankariya, het kunstmatige meer op drie
+mijlen afstands van Ahmedabad. Alleen onmiddellijk aan het meer
+vindt men eenigen plantengroei, waar troepen apen ons nieuwsgierig,
+maar zonder wantrouwen, aangluurden.
+
+De Kankariya is een der grootste waterréservoirs in Indië; het
+beslaat meer dan 62 acres en is veelhoekig, met 34 zijden, elk van
+190 voet. Het werd in 1451 voltooid en is door steenen trappen omgeven
+met koepels op verscheiden kanten en een sluis. In het midden is een
+eilandje, aan den wal verbonden door een brug van 48 bogen, en met een
+zomerpaleis en tuin voor den onderkoning van Ahmedabad. De reizigers
+spreken met bewondering over de Kankariya, en reeds voor Pietro della
+Valle was dit het schoonste plekje ter wereld. Maar op het eind der
+18de eeuw lag alles, paleis, waterleiding, sluis, in puin, en eerst in
+1872 heeft de regeering zich de zaak der restauratie aangetrokken. Aan
+de oevers werd bosch aangeplant, en het meer werd uitgediept. Men kan
+er nu rondwandelen, maar de omgeving is nog allermelancholiekst. Men
+zou er kunnen schreien, en ten overvloede liet zich een klagende
+muziek hooren, terwijl ik er vertoefde.
+
+Toen ik bij ons rijtuig terug keerde, waren mijn moeder en de
+vrienden aan het luisteren naar de garba's of balladen van een ouden
+muzikant. Dat was de oorzaak van mijn ontroering. Op den terugweg
+lieten wij rechts liggen de armenische en hollandsche graven, die
+we voor een later bezoek bewaren, en het was avond toen we thuis
+kwamen. De mist was dik, die ijzige mist van Ahmedabad, die zoo
+eigenaardig onaangenaam ruikt naar roet. Niet lang daarna traden
+wij een dier groote tenten binnen, die in Indië sjamiana heeten;
+ze was schitterend verlicht, en er was een elegante menigte bijeen,
+want er werd het huwelijk gevierd van een jongen Parsi.
+
+In het midden van een tuin, waar een onmetelijk velum over was
+uitgespreid, werden op een estrade, half verborgen achter een gordijn
+van bloemen, vooral rozen en jasmijn, de kerkelijke plechtigheden
+voltrokken door de mobeds of priesters. Ze zongen psalmen en ter
+afwisseling lieten zich inlandsche en europeesche orkesten hooren. Het
+was een mooi gezicht. De heer en mevrouw Lely waren in gezelschap van
+den luitenant-gouverneur der Noordwestelijke provinciën, Sir Antony Mac
+Donnell. Er werd te Ahmedabad vol lof gesproken over de wijze, waarop
+die hooge ambtenaar zich kweet van zijn taak, de enquêtecommissie voor
+den hongersnood te presideeren. Den volgenden morgen al vroeg namen wij
+afscheid van onze vriendelijke gastheeren en vertrokken naar Kathiawar.
+
+Dat is een vierkant schiereiland, dat in de Arabische Zee uitsteekt
+tusschen Katsj en de kust van Goedsjerat, en zoo genoemd is naar den
+stam der Kathi's, die er als kolonisten kwamen tusschen de 13de en de
+15de eeuw. De Mahratten pasten den naam op het geheele schiereiland
+toe, en in navolging van hen doen de Europeanen dat ook.
+
+Hoe afgelegen het ook is, toch heeft het schiereiland gedeeld in
+de lotgevallen van Indië. In overoude tijden stond het onder de
+heerschappij van Asoka en zijn opvolgers en werd door vice-gouverneurs
+bestuurd tot op den tijd, dat de gouverneurs zich onafhankelijk
+maakten. Van dien tijd af ontmoet men er zuiver hindoesche dynastieën;
+daarna kwamen de Mohammedanen, dan de invallen der Mahratten en
+eindelijk de suzereiniteit van Engeland, waarmee een nieuwe periode
+van orde en vooruitgang wordt geopend.
+
+Wat landschappelijk schoon betreft, is Kathiawar zeer ongelijk; in het
+Westen en het Oosten vindt men er zandwoestijnen, met cactussen bedekt,
+waarop de bosschen van den Gir volgen, vol van klare beekjes en groene
+velden. In het Noorden heeft men de verlaten oorden van den Ran, dan
+naar den kant van het Zuidwesten het lachende land met zijn tuinen
+en goed bebouwde velden en eindelijk meer binnenwaarts in Sorath het
+massieve granietgebergte, de Girnar, welks toppen majestueus boven
+den staat Junagadh oprijzen. Wij begeven ons daarheen.
+
+Tusschen Ahmedabad en Wadhwan namen we de gevolgen der droogte waar
+en van den ellendigen hongersnood; overal zagen we kale velden en
+weiden met mager vee. Wat een armoedig gezicht, die magere, stoffige
+buffels, die niet van hetzelfde ras lijken als onze glanzige en vette
+dieren der hoeven in Bandora! Nergens heeft de hongersnood wreeder
+sporen achtergelaten dan in Kathiawar. In 1899/1900 waren de beide
+oogsten, die van den herfst en die van het voorjaar mislukt, op een
+enkele uitzondering na, die van Palitana, en God weet, hoeveel de
+arme drommels, gewend om van den eenen dag op den anderen te leven,
+hadden geleden, te meer daar er ook gebrek aan water bij kwam,
+waardoor een deel der kudden verloren was gegaan. De dorpshoofden
+konden niet helpen. Wel stond de regeering hun aanzienlijke sommen toe,
+waarmee in verscheiden staten in den dadelijk en nood werd voorzien;
+maar tijdens de hitte brak de cholera uit en deed de sterfte op
+onrustbarende wijze toenemen. Volgens de statistieken verloor het
+schiereiland in tien jaren meer dan een zevende zijner bevolking.
+
+Toen kwam de tweede hongersnood van 1900/1901. De moesson was slechts
+met veel moeite doorgekomen, en eerst in Juli was er regen gevallen,
+maar toen zoo hevig, dat hij in plaats van zachtkens in den grond te
+dringen, het gezaaide had vernield, terwijl de regen in het najaar
+totaal was weggebleven, en er tot overmaat van ramp een koortsepidemie
+uitbrak. Zulk een staat van zaken heeft intusschen niets abnormaals;
+de lijst der hongersnooden is lang in Kathiawar, vanaf dien van 1559,
+den eersten, waaraan de herinnering is bewaard gebleven.
+
+Te Wadhwan moesten we van trein veranderen voor Rajkot; reizigers,
+ossen, karren, bagage, alle krioelen in vreeselijke wanorde
+dooreen. Daar ontdekte ik het vriendelijke gezicht van Dr. Thakordass
+Kikhabhai Dalal. Nu behoefde ik mij niet meer om de dingen te
+bekommeren, want nu was alles geregeld en in orde.
+
+Ik ben tweemaal te Wadhwan geweest; de eerste maal slechts enkele uren;
+maar de indrukken van die bezoeken vat ik hier samen. Allereerst die
+van het zoogenaamde kamp, waar de engelsche dienst is georganiseerd. Er
+wordt daar een belangrijke markt gehouden, en men vindt er kantoren
+van de regeering, een hospitaal, een gevangenis en een mooien
+klokketoren. Ook dient gelet op de interessante school, waar de
+zoons van de kleine grondeigenaars worden opgevoed. Die bezitters of
+girasia's vormen een talrijke en weinig ontwikkelde klasse en zij
+is vaak overgeleverd aan inhalige en onwetende intendanten. In hun
+belang werd in 1881 door kolonel Stace deze school gesticht, waar
+het onderwijs de leerlingen brengt tot het toelatingsexamen voor de
+universiteit van Bombay en waar veel tijd aan lichaamsoefeningen wordt
+besteed. De jongelui hebben er ieder een eigen kamer en worden door hun
+eigen bedienden bediend; ze mogen paarden houden, als ze willen. De
+school staat onder rechtstreeksch engelsch toezicht. De resultaten
+waren in het begin gering, want er kwamen haast geen leerlingen,
+en eerst op den duur leerden de ouders inzien, dat de stichters
+gelijk hadden en dat het veel waard was, in het land grondbezitters
+te krijgen die hun land tot zijn recht konden doen komen.
+
+Het ernstigste bezwaar leverde het vrouwelijke element der gezinnen op,
+dat er zich tegen verzette dat de jongens het ouderlijk huis zouden
+verlaten, om door Westerlingen te worden opgevoed. De tegenstand is
+van dien kant nu nog zoo sterk, dat ik girasia's ken, die liever hun
+land hebben willen verlaten, om hun zoons te kunnen opvoeden naar
+hun eigen smaak.
+
+Maar veel girasia's blijven niet wonen op hun goederen, maar bekleeden
+bestuursambten. Wij zullen weldra te Rajkot bemerken, dat die scholen
+deel uitmaken van een uitgebreid stelsel van onderwijs, dat alle
+standen omvat.
+
+De stad ligt drie mijlen van het engelsche "kamp", en is omringd door
+versterkingen bij het paleis van het hoofd.
+
+De enkele oogenblikken, die ik met Dr. Thakordass doorbracht, werden
+prettig gevuld met het bespreken van onze reis door Kathiawar en
+met eer te doen aan een lunch van uitgelezen Hindoesche gerechten,
+dat ons in een wachtkamer werd voorgezet.
+
+Weer zaten we in den trein, nu niet meer aan de groote lijn, hetgeen
+we gauw genoeg bespeurden aan het langzame rijden. Het land zag er nog
+even verlaten uit. Hier en daar zagen beesten den trein met verbazing
+passeeren. Plotseling werd er tusschen Mull en Dholia gestopt; er was
+iets niet in orde met de machine en er moest een andere worden gehaald
+van het naburig station. De tijd verliep; de zon daalde langzaam
+achter den horizon met roode tinten de lucht en de vlakte overgietend;
+binnen enkele oogenblikken zal het donker wezen en reeds verschijnen
+de sterren. Zal men nu eindelijk weggaan? Ja, daar is de locomotief,
+en we rijden snel om den verloren tijd in te halen.... Toen ik te
+Rajkot uitstapte, waaide er een ijskoude wind. Het station was slecht
+verlicht, en bijna kon ik in de schemering de groep personen niet
+herkennen, bij wie ik was aanbevolen en die tot de notabele Parsi's
+uit de plaats behoorden. Ze begroetten ons met oostersche beleefdheid
+en verzochten, dat wij ons gedurende ons verblijf in Rajkot geheel
+als hun gasten zouden beschouwen. Geen middel om die uitnoodiging
+af te slaan! Dus moesten we bedanken voor de gastvrijheid, die de
+heeren Kincaid en Seddon ons aanboden vanwege den Political-Agent,
+luitenant-kolonel W. F. Kennedy.
+
+Na in het halfduister gezocht te hebben naar onze bagage te midden van
+karren en afgespannen ossen, die lui bleven liggen, stapte ik eindelijk
+in een rijtuig met mijn moeder en mijn secretaris en daar reden we
+in den donkeren mist naar de Travellers' Quarters. Een tusschen de
+boomen schitterend licht leidde ons naar een groot gebouw, waar de
+hôtelier, een Portugees uit Goa, ons een welverdiend diner voorzette,
+zooals hem was opgedragen door onze Parsi-vrienden.
+
+Den daarop volgenden dag begaf ik mij te voet naar het
+Residentiegebouw, dat maar een paar minuten van het hôtel was
+verwijderd, waardoor ik ook hier het "kamp" in oogenschouw kon nemen,
+dat het mooiste en grootste is van Kathiawar. Breede wegen tusschen
+prachtige boomen waren omzoomd door aardige villa's. Alle openbare
+diensten zijn goed gehuisvest, zoowel de post als de telegraaf, de
+douane en het politiecommissariaat. De inlandsche vorsten droegen
+ijverig bij in de kosten.
+
+Mijne eenzame wandeling was een genot. Het was zachter weêr geworden,
+al bleef het koel en de zon scheen. Het klimaat van Rajkot moet gezond
+zijn voor de Europeanen.
+
+Na het ontbijt kwamen onze Parsi's ons voor een bezoek aan de stad
+afhalen. Rajkot aan de oevers van de Aji is omringd door versterkingen
+en door een weg met het engelsche gedeelte verbonden. Vergeleken bij
+andere plaatsen in Kathiawar, is het zindelijk en de steenen huizen
+zijn stevig genoeg, om een beleg te doorstaan. Gezien van af de
+Kaiser-i-Hind, de groote brug over de Aji, ziet het er schilderachtig
+uit. Toen wij er door gingen, staken de torens en muren af tegen
+een helderen hemel, en de rivier stroomde kalm over haar rotsachtige
+bedding; maar in den regentijd wordt het een bruisend water, dat tegen
+de stadsmuren slaat. De brug heeft dan ook niet minder dan 16 bogen.
+
+Aan de oude, slechte gebruiken van de Rajpoeten, o. a. aan den
+kindermoord op kinderen van het vrouwelijk geslacht, heeft het engelsch
+bestuur het eerst in Rajkot een eind gemaakt. Toen Dr. Wilson er in
+1835 kwam, was het plaatselijk hoofd juist de moordenaar van zijn
+dochter geweest. Sir J. P. Willoughby deed de oude reglementen van
+kolonel Walker uit 1807 herleven en had zich aan de spits gesteld van
+een humanitaire beweging, waardoor hij de hoofden van de Jadeja's had
+overgehaald, zich schriftelijk te verbinden, die gewoonte niet meer
+te volgen, er geen vergunning voor te geven en straf op te leggen aan
+diegenen, die het bevel overtraden. Die maatregel heeft de gewoonte
+in het geheele schiereiland uitgeroeid.
+
+De Parsi's zijn niet talrijk in Kathiawar, zoo ongeveer een
+duizendtal zijn er; zij zijn niet de afstammelingen van de eerste
+groep emigranten, die in de 7de eeuw uit Perzië uitweken en vijftien
+jaren lang gevestigd waren te Diu, voordat ze aan de westkust van
+Goedsjerat kwamen. Diegenen, die nu te Diu wonen, kunnen zelfs niet
+op die afkomst bogen. Eerst op het eind der 18de eeuw kwamen Parsi's
+uit Surate zich voor zaken vestigen in Kathiawar. Een der eerste was
+Koyajee Cuverjee, een rijke koopman in parels en edelgesteenten,
+grootvader van den tegenwoordigen leider der gemeente; hij stierf
+jong, na veel te hebben gereisd; hij was in Engeland geweest met zijn
+zoon, die later gouverneur werd van de jonge prinsen te Baroda. Het
+tegenwoordige hoofd der gemeente, de heer Koyajee, een bekend advocaat,
+is diwan of eerste minister geweest in den staat Dhrangadra.
+
+De Parsi's zijn in de meeste gevallen winkeliers; maar soms hebben
+zij een betrekking bij de Agency, en enkelen van hen worden ministers
+in inboorlingenstaten. Te Rajkot hebben ze zich gevestigd, toen de
+Engelschen er hun "kamp" hebben gesticht. Zij bezitten er een agyari of
+vuurtempel, gebouwd in 1875 en die bediend wordt door drie priesters,
+verder een school en een hôtel. Het was een groot genoegen voor ons,
+onder die beminnelijke menschen te vertoeven. Ik was uitgenoodigd,
+de plechtigheid der inwijding van een nieuwen toren des zwijgens bij
+te wonen; maar tot mijn grooten spijt hadden omstandigheden mij te
+Bombay doen blijven. De Toren van het Zwijgen is, naar men weet, het
+ronde gebouw, waarin de Parsi's hun dooden brengen op een platform,
+waar ze een prooi der gieren worden...
+
+Daar er geen dooden waren, mochten wij naderen en zelfs werd de
+deur voor ons geopend. De Parsi's maakten hier nog gebruik van het
+kerkhof sedert hun vestiging aan deze plaats, maar dat was voor hen
+een wreede noodzakelijkheid. Inderdaad heeft elke kolonie van Parsi's
+een tempel, waar het heilige vuur wordt onderhouden en een toren,
+waar de dooden worden neergelegd. Het bezoek aan het kerkhof wekte
+mijn levendige belangstelling, want het was het eerste, dat ik in
+Indië zag; enkele met koepels gekroonde gebouwen wezen de plaats van
+verscheiden graven aan.
+
+Na een gezellige lunch bij de heeren Kincaid en Seddon gingen we naar
+Rajkumar College, het mooiste gebouw uit het kamp, groot en met twee
+vleugels, ieder met twintig kamers voor de leerlingen, en de villa
+voor den directeur en den onderdirecteur.
+
+Alles was omringd door een muur van zes voet hoog. Achter de vleugels
+zijn de keukens, de stallen voor de paarden der leerlingen, de tuinen
+en de bijgebouwen.
+
+De engelsche vlag, teeken van Engelands suzereiniteit over de kleine
+staten van Kathiawar, staat op het centrale paviljoen. Feitelijk
+gelijkt de school zoowel op een kasteel als op een kazerne. Deze
+stichting beantwoordt aan een ernstige behoefte, zooals de geschiedenis
+leert.
+
+Omstreeks 1842 was de onwetendheid in Kathiawar nog ontzettend
+groot. Weinig hoofden konden schrijven; hun agenten en secretarissen
+kenden er juist zooveel van, om de zaken slecht te leiden. De
+regeering besloot toen, pandits of geletterden te beloonen voor
+onderwijs, dat zij aan het volk zouden geven. De zendelingen van
+hun kant openden enkele klassen voor jongere en oudere leerlingen,
+en toen de belangstelling eenmaal gewekt was, werden de vorsten er toe
+gebracht, scholen te stichten, waar zoowel Engelsch als de landstalen
+werden onderwezen.
+
+Het kostte moeite, de vorsten over te halen, hun paleizen te verlaten
+en aan het openbare leven deel te nemen. Toen de eerste universiteiten
+werden geopend, sprak Lord Canning zijn hoop uit, dat de adel en
+de hoogere standen hun plicht zouden inzien, om hun kinderen hooger
+onderwijs te verstrekken. Maar de hoofden en de leiders hechtten in
+het geheel geen waarde aan het onderwijs; zij wenschten dat niet voor
+hun kroost en weigerden, de kinderen naar scholen te zenden in sociale
+besmetting. Dus werd het dringend noodig, eigen scholen op te richten
+voor de zoons van den adel. Kolonel Keatinge begon zich daarmee ernstig
+bezig te houden en beproefde de hoofden te overtuigen van het belang,
+dat in de zaak gelegen was, maar hem viel niet de eer te beurt der
+oprichting. Kolonel Anderson vatte de taak op en had succes.
+
+In 1670 werd het College gesticht door de hoofden in de provincie,
+onder de auspiciën van de regeering. Charles Macnaghten was de eerste
+leider en bleef 26 jaar directeur der onderneming. De eerste leerling
+was Takore Sahib uit Bhaunagar, en de anderen volgden spoedig. Het
+was nog een veelbewogen tijd, en elken avond werd de wacht betrokken
+vóór de vertrekken der prinsen.
+
+De ouders konden niet meer protesteeren, nu de leiding der zaak in
+hun handen was en de kinderen met huns gelijken samen waren.
+
+Op Rajkumar College worden inderdaad alleen toegelaten Patvi kumars,
+Fantaya kumars en Bhayats. De eerste zijn vermoedelijke erfgenamen,
+die altijd verwend worden door de ministers van hun vaders, omdat
+ze in hen de toekomstige heerschers zien, die gevleid moeten worden
+als uitdeelers van gunsten en gaven. De tweede, een jongere zoon,
+is minder in aanzien, want voor hem is slechts een saghir weggelegd,
+dat is het inkomen van bepaalde goederen, al heeft hij uit materiëel
+oogpunt genoeg, om te studeeren en te reizen. De Bhayat behoort tot
+de zijlinies der familie en heeft een niet juist benijbare positie,
+en men kan gerust zeggen, dat het in Indië niet altijd een voordeel
+is, tot een vorstelijke familie te behooren.
+
+Dat waren en dat zijn nog de jongelieden, die door de edelmoedige
+mannen, onder wier leiding ze zijn gesteld, moeten worden opgevoed,
+verzacht en onder tucht gebracht, opdat ze zullen worden tot mannen,
+die geen geleerden zijn, maar energieke hoofden, verlicht en goed in
+staat, hun gebied te administreeren.
+
+Voor den jeugdigen prins is er een groot verschil tusschen het leven,
+dat hij thuis in het vaderlijk paleis leidde en dat, hetwelk hij
+leidt in het College, waar hij niet langer meester en gebieder is,
+maar moet gehoorzamen en een soldaat is onder velen.
+
+Reeds om zes uur in den morgen stijgt hij te paard, om aan de
+oefeningen deel te nemen en daarna volgen de lessen, die behalve
+Engelsch, de wiskunde, de algebra, aardrijkskunde, geschiedenis en de
+taal van Goedsjerat, het Goedsjeratti, omvatten. Onder de leeraren
+zijn evenveel Engelschen als inlanders. Tusschen de lessen worden
+ijverig spelen beoefend, tennis, cricket, voetbal en golf.
+
+De hall, waar de directeur, de heer Waddington, ons ontving, werd
+door groote vensters verlicht en aan de wanden hingen de portretten
+van indische vorsten naast die van koningin Victoria en de hertog en
+hertogin van Connaught. Wij bezochten de klassen, waar op dat oogenblik
+geen leerlingen in waren, maar op de zwarte borden stonden nog de
+sporen van het pas gedane werk. Op ons verzoek liet de directeur den
+jongen nabab van Sachin roepen, en wij konden hem de groeten brengen
+van zijn broers, die we onlangs te Surate hadden gesproken.
+
+Het schoolrégime heeft den jongeling goed gedaan; met zijn laarzen
+en sporen, de karwats in de hand, zag hij er onberispelijk uit,
+een sierlijk ruiter!
+
+Den 6den November 1900 had Lord Curzon in de zaal, waar wij ons
+bevonden, de prijsuitdeeling bijgewoond. Het was de eerste maal,
+dat een onderkoning aan die plechtigheid deelnam. Het bleek een
+schitterende bijeenkomst; de jonge prinsen, alle in hun officieel
+costuum, leverden een kleurig schouwspel op. Lord Curzon sprak zeer
+goed over de noodzakelijkheid voor de vorsten, om ontwikkeling te
+erlangen, niet om jonge Engelschen te worden, maar om goede indische
+vorsten te zijn voor indische onderdanen.
+
+"De hoofden", sprak hij, "zijn niet, zooals men het graag voorstelt,
+een bevoorrechte klasse. God heeft hun het land niet ten geschenke
+gegeven; de staat is niet hun eigendom en de inkomsten komen hun niet
+persoonlijk toe. Zij moeten leven voor het welzijn van hun onderdanen;
+de onderdanen zijn er niet voor hen."
+
+Schoone woorden en moedige woorden in een gezelschap, dat gewend is
+geweest, altijd den staat te beschouwen als het eigendom van den vorst.
+
+De heer Waddington noodigde ons uit, de thee te gebruiken in gezelschap
+van een hoog personnage, dat ook juist de school bezocht te Rajkot,
+namelijk den nabab van Sikkim, en daarna naar het poloveld te gaan,
+waar de leerlingen aan het spelen waren.
+
+Helaas, onze rouw belet ons, aan het schitterend onthaal deel te
+nemen, en wij gaan met ons rijtuig staan onder de boomen van de laan,
+van waar we de spelen wel kunnen zien.
+
+Daar komen de jonge prinsen aan! Wat zien ze er knap uit! De grootsten
+zijn volmaakte ruiters; de jongsten kijken onbetaalbaar ernstig
+onder hun gestreepte tulbanden en worden braaf geschud door hun edele
+paarden van kathiawaarsch ras, maar blijven vast in den zadel.
+
+Het sein wordt gegeven, en het spel begint. De directeur zelf nam
+er met groote ambitie aan deel, en hij is niet de minst handige,
+noch de minst vurige.
+
+In Rajkumar College krijgt men inderdaad een goeden indruk van het
+succes der engelsche methode in zake opvoeding aan vorstenzonen, zooals
+men ook in Kathiawar het best de resultaten kan waarnemen van de wijze
+van bestuur en de vreedzame inlijving der inboorlingenstaten. Dat
+komt, dat hier het veld van waarneming betrekkelijk klein is, en de
+bevolking nog al homogeen.
+
+Ieder onpartijdig reiziger zal toegeven, dat de veiligheid nu niets
+te wenschen overlaat, en dat de staten beter worden bestuurd en het
+volk er gelukkiger is.
+
+Wat de vorsten aangaat, onder invloed van de in het College verkregen
+opvoeding, zijn ze belangstelling gaan gevoelen voor de stichting van
+nuttige instellingen in hun landen, voor den bouw van scholen en de
+verfraaiing van hun hoofdsteden, zonder dat daarom het godsdienstige
+leven of de sociale instellingen zijn veranderd. En ik moest denken aan
+de mannen, die aldus zich wijdden aan de opvoeding van het volk in een
+achterland van Goedsjerat en hen vergelijken met Johnston, Mountstuart
+Elphinstone en andere Engelschen uit die school. Van den laatste
+is bekend, dat hij eens zeide, dat als ooit deze volken zich van
+Engeland vrij maakten, het dan nog beter was, dat Engeland als buren
+een ontwikkeld volk had dan een barbaarsch. Dat alles overdacht ik,
+terwijl ik met mijn moeder en mijn secretaris naar de spelen keek...
+
+Het spel is afgeloopen; de prinsen vormen weer een rij en defileeren
+in galop door de laan, mij beleefde groeten toezendend.
+
+De nabab van Sikkim ging met de anderen weg; hij werd gevolgd
+door zijn gezelschap, en wij brachten verder den dag door bij onze
+Parsi-vrienden.
+
+Met hoeveel genoegen we ook te Rajkot waren, we moesten denken over
+onze verdere reis naar Junagadh. Onze goede vrienden, de Parsi's
+stelden zich niet tevreden met ons naar het station te vergezellen; zij
+stegen mee in den waggon en brachten ons tot het volgend station. Ik
+heb aan hun ontvangst de aangenaamste herinnering en wij gingen weg met
+veel kostbare geschenken en heerlijke, welriekende rozen, die even goed
+in ons oude Frankrijk hadden kunnen bloeien als in Ispahan; maar Rajkot
+is niet het land der rozen, en in Kathiawar zijn de Gloire de Dijon en
+de Maréchal Niel zeldzaamheden. De liefhebber, die ze heeft gekweekt,
+deed te mijner eer een groote opoffering, die ik zeer op prijs stel.
+
+Wij reisden nu snel naar het Zuiden. Het was een rustig landschap, en
+het zacht golvend terrein was zeer vruchtbaar. Wij zijn op het gebied
+van Gondal, een staatje van den tweeden rang, van 150.000 inwoners. Er
+wordt koren verbouwd en katoen. De vorst, die Thakore heet, is tegelijk
+schatplichtig aan Engeland, aan Rajkot en aan Junagadh. De stichter
+van het vorstengeslacht, de tweede kleinzoon van Vibhaji van Rajkot,
+had twintig dorpen geërfd, waarbij het gouvernement van Ahmedabad
+ter belooning van bewezen diensten nog later Gondal voegde, dat tot
+hoofdstad werd verheven in de 17de eeuw. Zijn opvolgers vergrootten
+het gebied nog. De Thakore Bagvat Sjingji, een schitterend leerling
+van Rajkumar College, heeft te Edinburg zijn medische studiën voltooid
+en schreef een werk over de geneeskunde in Indië en een reisverhaal
+van zijn bezoek aan Europa.
+
+Zijn hoofdstad aan den oever van de rivier Gonduli heeft
+mooie gebouwen, moderne huizen, een hospitaal en een school voor
+adellijken. Bij onze nadering beschreef de trein, die den vorst na een
+afwezigheid van eenigen tijd in zijn staten terugvoerde, een bocht,
+om hem voor de deur van zijn paleis af te zetten, en de rookwolk van
+de locomotief drong tusschen de boomen van het vorstelijk park. De
+minister van Gondal, de heer Damri, de heer J. N. Unwalla en een
+perzisch reiziger wachtten ons op het perron. Onze gastheer uit
+Bombay, de heer Malabari, heeft de goede gedachte gehad, ons overal
+in Kathiawar zulke verrassingen te bereiden.
+
+De minister noodigde ons uit, den dag bij hem door te brengen; maar wij
+hadden geen tijd om in deze stad te blijven, die de hoofdstad moet zijn
+van wat een modelstaat wordt genoemd. Wij konden alleen een praatje
+houden over gemeenschappelijke bekenden, o. a. over den opvolger van
+mijn vader aan de academie van de opschriften, den heer Sénart.
+
+Na Gondal werd het terrein bergachtiger. De warme, weldadige zon gaf
+mij nieuwe krachten en ik gevoelde, dat ik genoegzaam hersteld was
+voor den tocht naar den Girnar. Het was in die mooie Februaridagen een
+heerlijke reis. Rust en kalmte heerschten hier in deze streken, alleen
+aan de stations afgebroken door enkele luidruchtige inboorlingen,
+die op transport van hun bagage toezien of voor hun koopwaar zorgen.
+
+Eindelijk zijn wij te Junagadh; de schoonzoon van den minister, de heer
+K. Ch. Dhru, is ons tegemoet gereisd en brengt ons in den landauer van
+den Nabab Sahib naar een villa, even buiten de stad gelegen tegenover
+den Girnar. Wij hoorden, dat de officiëele wereld naar een naburigen
+staat was gegaan, om het huwelijk van den vorst bij te wonen.
+
+Wij zullen dus kunnen uitrusten. Lal Bagh is een der geriefelijkste
+woningen, die we in Indië hebben gehad, althans in de provincie,
+en het is, of ik er mijn kamer uit Bandora terugvind. Het huis werd
+gebouwd door den Parsi Sir Ph. Mehta, in den tijd van zijn verblijf
+in Junagadh; het was elegant gemeubeld en ik zal nooit vergeten met
+hoeveel attenties het dienstpersoneel mij omringde.
+
+Vanaf het terras had men een prachtig uitzicht op het bergland van
+den Girnar. Een lichtende wolk scheen om de vijf toppen te hangen en
+ze samen tot een volmaakten kegel te maken. Het is een heilige berg,
+vroeger woonplaats der goden, en sinds onheugelijke tijden trekken
+de pelgrims er heen. In de rotsflanken hebben kluizenaars zich cellen
+ter bewoning gekozen; op de bloeiende hellingen hebben de geloovigen
+tempels gebouwd voor hun beschermgoden, en op de toppen kan men de
+voetstappen vinden van de gelukkige stervelingen, die op het punt
+waren, de zaligheid van het Nirwana deelachtig te worden.
+
+Men kan de stad Junagadh niet bezoeken, zonder een blik te slaan op
+haar verleden. De vorsten uit de tegenwoordige regeerende dynastie
+der afghaansche Babi's hebben tallooze voorgangers gehad; maar men
+moet tot de rajpoetische dynastie opklimmen van de Chudasama's, om
+den oorsprong te vinden van de vele sagen en verhalen, die in omloop
+zijn. In de 15de eeuw verscheen de geduchte vijand voor de vorsten
+van Goedsjerat en Sorath, de Islam. Ra Mandik III was de laatste
+Hindoevorst, die in dien tijd over Junagadh regeerde. Het heet, dat
+de vorst de vrouw van zijn minister verleidde en dat deze, om wraak
+te nemen, zijn vorst verried aan Mahmoed, sultan van Ahmedabad. De
+overwonnene werd gedwongen, den Islam aan te nemen en verkreeg onder
+den naam Khan Djehan een roep van heiligheid.
+
+Mahmoed vond veel behagen in de mooie provincie Sorath, vestigde
+er zich en veranderde zelfs den naam van Junagadh in dien van
+Moestafabad. Hij legde de versterkingen aan van de stad en bouwde de
+moskee bij het fort. Zijn edelen volgden hem; hij gaf hun ambten en
+gunstbewijzen en bracht den Islam er tot bloei. Sedert de bezetting
+door Mahmoed werd Junagadh bestuurd door een uit Ahmedabad gezonden
+ambtenaar, en de sultan stond aan den zoon van den onttroonden koning
+een eeretitel toe en land te Sil Bayarda aan het strand der zee.
+
+Het geslacht der Chudasama's heeft zijn invloed nog behouden in
+het land en in de regeerende familie hecht men nog waarde aan de
+verwantschap met de afstammelingen der oude koningen.
+
+De laatste der Foedjaren of gouverneurs, Sehr khan Babi, maakte in de
+18de eeuw gebruik van het verval van het Rijk, om den titel van Nabab
+van Junagadh aan te nemen. Daar hij een bekwaam en moedig man was,
+hief hij een schatting van alle vorsten van Kathiawar, een heffing,
+die nu nog voortduurt en die door tusschenkomst der Engelschen wordt
+geheven sinds 1821.
+
+De geschiedenis van het vorstengeslacht der Babi's levert een
+merkwaardig voorbeeld van de intriges aan de kleine inlandsche
+hoven, intriges van vrouwen dikwijls. In het begin der 19de eeuw
+verschijnen de Engelschen ten tooneele en slagen er langzamerhand in
+de Mohammedanen te vervangen, en van de helft dier eeuw dagteekent de
+bloeitijd van den staat. Bahadoer Khandji, broeder en voorganger van
+Z. H. Rasoel Khandji, die thans regeert, ontving van den onderkoning
+van Indië een vlag met de wapens van Junagadh en verscheen met staatsie
+op den durbar te Delhi.
+
+De Nabab Sahib heeft te Rajkumar College zijn opvoeding gekregen; hij
+is zeer vroom en zeer liefdadig. Te Rajkot hebben wij het hospitaal
+gezien, dat hij had laten bouwen; in zijn staten heeft men hem voor
+veel andere nuttige instellingen te danken. Groote sommen heeft hij
+besteed voor een betere waterverdeeling en hij heeft den spoorweg
+van Junagadh naar de haven Veraval laten aanleggen, alsook dien van
+Junagadh naar Rajkot.
+
+Evenals de vorsten van zijn familie is ook de vermoedelijke
+troonopvolger te Rajkumar College opgevoed. Hij, Z. H. Cherzeme
+Khandji, is in 1889 getrouwd. Hij was het, die bij het bezoek van
+den onderkoning het woord nam, om den hoogen bezoeker te antwoorden,
+en hij heeft het met groote waardigheid gedaan.
+
+Men moet niet denken, dat het bestuur der inlandsche staten aan het
+toeval wordt overgelaten; in het residentschap Bombay heeft elke staat,
+klein of groot, afzonderlijke diensten voor de uitvoerende macht,
+de financiën, de justitie, openbare werken, kadaster, geneeskundigen
+dienst, douane, politie enz.
+
+De uitvoerende macht berust bij den vorst, die haar overdraagt aan zijn
+eersten minister of diwan, wiens plichten zeer verscheiden zijn. Hij
+heeft alle ambtenaren onder zijn bevelen, moet toezicht houden op
+de rechtspraak, het onderwijs regelen, toezien op de bescherming
+der arbeidende klassen, zorgen voor het onderhoud der wegen, de
+irrigatiewerken en zoo meer. Hij mag dus wel een practisch man zijn.
+
+De vorst is vrij in de keuze van zijn eersten minister, maar de keuze
+moet worden goedgekeurd door de plaatselijke regeering. Oudtijds was
+de betrekking erfelijk.
+
+Sedert bijna een halve eeuw zijn de regeeringsaangelegenheden in
+Junagadh in handen geweest van bekwame mannen. De eerste staatsman
+ten tijde van ons bezoek was de vizier Sjeik Mohammed Bahauddin
+Hasambhai, aan de regeerende familie vermaagschapt door het huwelijk
+van zijn zuster Laddi Bibi met wijlen Mahabat Khandji. Zeer jong in
+staatsdienst getreden, was de vizier eerst commandant van de lijfwacht
+of Lal Risalda. Hij is vooral zijn hooge positie verschuldigd aan
+den steun, dien hij aan den Nabab verleende in den strijd tegen de
+koningin-moeder, een heerschzuchtige vrouw, die haar zoon buiten de
+zaken wilde houden.
+
+Daar hij in financiëele aangelegenheden uiterst bekwaam was, bestuurde
+de vizier de bezittingen van den staat met groote bekwaamheid,
+en daarbij gaf hij blijk van zeldzame energie in de onderdrukking
+van de rooverijen. In 1882 maakte hij zich meester van den hoofdman
+Janji Makrani, den schrik van den omtrek, en het volgend jaar van
+den bandiet Jasla, die voor de monding van een kanon werd gebonden,
+waardoor de rust van het land verzekerd was. Eindelijk roeide hij in
+1889 de laatste rooverbenden uit, en sinds dien heerschte veiligheid
+in het land.
+
+De vizier hield zich veel bezig met het onderwijs, dat hij aanmoedigde
+door beurzen en door de oprichting van scholen. De armen hebben aan
+hem slaaphuizen te danken en de pelgrims een weg naar Dattar. Als
+wijs en gematigd man weet hij de goede verstandhouding te bewaren
+tusschen hindoesche en mohammedaansche gemeenten.
+
+Sir Charles Ollivant verklaarde in 1892, dat aan den vizier en den
+diwan Haridas de welvaart van den staat Junagadh te danken was. Die
+laatste trouwe medewerker van den mohammedaanschen vizier behoorde
+tot een familie van Ksjatria's uit Pendsjab. Zijn voorvaderen hadden
+geschitterd aan de hoven van de Groot Mogols; zij bewezen diensten
+aan de Mahratten, eindelijk aan de Engelschen, wien de vader van
+den heer Haridas Viharidas getrouw bleef in het vreeselijke jaar van
+den opstand.
+
+De heer Haridas Viharidas, die in het midden der vorige eeuw geboren
+was, had in zijn provincie Madras studiën gemaakt over de cultuur
+van tabak. Daarna trad hij in staatsdienst en werd in verscheiden
+inboorlingenstaten benoemd, tot hij in 1883 in Junagadh minister werd,
+welke betrekking hij twaalf jaar bekleedde. Op zijn initiatief werd
+de stad verfraaid. Hij stierf in 1895 en werd vervangen door zijn
+broeder, den heer Behechardas Viharidas, oud-lid van den wetgevenden
+Raad te Bombay. Deze ondernam groote irrigatiewerken.
+
+Ik wil hier terloops opmerken, dat geen van die verdienstelijke
+ambtenaren in Engeland is geweest. Die dure en vaak zoo weinig nuttige
+reis is dus voor jonge lieden niet noodig ter voorbereiding van een
+rol van beteekenis in Indië.
+
+Ofschoon de stad Junagadh in de vlakte ligt, ziet zij er ondanks de
+moderne gebouwen en de rechte straten schilderachtig uit. Als men de
+oogen opslaat, ziet men de kanteelen van het fort en de toppen van den
+Girnar, die een indrukwekkenden achtergrond vormen en belangwekkende
+historische herinneringen oproepen.
+
+Tijdens ons verblijf werd er over niets anders gesproken dan over
+het verblijf van Lord Curzon, dat een waar succes was geweest. Er
+was veel troepenvertoon geweest; er waren eerebogen opgericht en
+een optocht van olifanten, geleid door ruiters op rhinocerossen. Des
+avonds had een prachtige illuminatie de bevolking verheugd. Wat Lord
+Curzon vooral genoegen deed, was het zien van de velden, die het einde
+van den hongersnood aankondigden en daarmee tevens den terugkeer van
+overvloed, want vele streken zijn zoo vruchtbaar, dat men er driemaal
+in het jaar kan oogsten.
+
+De oorsprong van Junagadh verliest zich in den nacht der tijden. Met
+de Chudasama's als heeren van het land, komt men bij de historische
+tijden; zij brachten een beschaving, waarvan de kunst nog sporen
+heeft nagelaten op de rotsen van den Girnar.
+
+In de 16de eeuw na hun val vernemen wij, dat Sorath in den tijd van
+Akbar in negen afdeelingen was verdeeld, elk door een anderen stam
+bewoond. De eerste, het nieuwe Sorath, was lang onbekend gebleven
+door de vele bosschen en de ontoegankelijke bergen. Er was, zoo
+vertelt een geschiedschrijver, een fort, dat Junagadh of Uperkot
+heette en dat vroeger door sultan Mahmoed veroverd werd, die aan
+den voet van het fort Moestafabad de moderne stad oprichtte. De
+gewoonte, om haar enkel aan te duiden door het woord durg of gadh,
+dat is vesting, dateert al uit zeer vroege oudheid. Daaruit blijkt,
+dat dit het fort bij uitnemendheid was.
+
+In het begin der vorige eeuw, in 1822, bezocht kolonel Tod Junagadh,
+dat nog door wouden was ingesloten over een uitgestrektheid van
+verscheidene mijlen, wouden zoo dicht, dat men er alleen in kon
+binnendringen door de lanen, uitgespaard, om met de naburige plaatsen
+gemeenschap te onderhouden.
+
+De bevolking bestond uit dezelfde bestanddeelen als tegenwoordig,
+Brahmanen, Mohammedanen, landbouwers als Ahirs, Koli's enz. en
+Rajpoeten. Er waren niet meer dan een paar duizend inwoners, en nu
+zijn er niet minder dan dertig duizend. Wat den vorst aangaat, hij
+had geringe inkomsten en weinig eerzucht.
+
+De groote monumenten, moskeeën, paleizen en graven zijn modern.
+
+De stad heeft de muren behouden, waarmee Mahmoed haar begiftigd had en
+daarbinnen ontwikkelt zij zich nog. Rondom de citadel is een verlaten
+en onbebouwd gedeelte, waar men veel ruïnen vindt. Het strekt zich uit
+tot aan den voet der muren; maar daarachter begint het vrije veld met
+mooie woningen, o. a. die van den vizier. De tuinen bij die villa's
+en de vruchten, die men er oogst, zijn vermaard.
+
+Het aanzien van de straten wijst op welvaart; de bazars zijn goed
+voorzien en leveren alle mogelijke producten der plaatselijke
+industrie. Het zou eigenlijk het aardigst wezen, naar Junagadh te
+gaan in den tijd der bedevaarten, die jaarlijks uit alle deelen van
+Indië er bijna honderd duizend geloovigen doen samenstroomen. De
+menigte kampeert vaak in de open lucht en bij den Girnar worden
+logeerhuizen voor de armen ingericht, waar de menschen ook kosteloos
+worden gevoed. De bedelaars van beroep, de sadhoes, schuilen waar
+ze maar kunnen, dikwijls tusschen de ruïnen. De bedevaarten hebben
+altijd plaats in den winter; dan is het klimaat zeer gezond, vooral
+in Januari en Februari; maar het wordt ongunstig in den warmen tijd,
+wanneer dan ook de bevolking naar de bergen trekt, en dat wel al van
+de maand Mei af.
+
+Aan den Girnar zijn in de buurt van de tempels hôtels gebouwd,
+maar het schijnt dat het er niet gezond is. De weinige Europeanen,
+die hier wonen, gaan liever naar de zee, naar Veraval, dat vroeger
+een eenvoudige inschepingsplaats was voor de Mohammedanen, die zich
+naar Mekka begaven, en nu een stad is van meer dan 12.000 inwoners,
+met een spoorweg verbonden aan Junagadh en station voor de stoombooten,
+die geregeld dienst doen tusschen Bombay en Kathiawar.
+
+Het paleis van den Nabab ligt in de hoofdstraat van Junagadh; daar
+Z. H. afwezig was, konden wij er niet worden toegelaten, ik heb er
+alleen van kunnen zien den mooien gevel van stuc en de terrassen;
+maar ik weet, dat het inwendige weelderig is ingericht, misschien wel
+al te modern. Het is een ongelukkige neiging van de indische vorsten,
+dat ze onze europeesche producten stellen boven die van hun eigen
+industrie. Zoo is het mooie Lal Bagh een echt anglo-indisch huis;
+men waardeert wel het comfort, dat men er geniet, maar de inlandsche
+handwerkslieden hebben niet veel verdiend aan de meubileering.
+
+Ten noordwesten van de stad heeft het graf der eerste Nababs van
+Junagadh tot model gediend voor dat van de moeder van den Nabab
+Bahadoer Khandji, dat een uitstekend voorbeeld is van den localen
+bouwtrant. Het werd gebouwd door de vorstin, die de vervaardiging
+toevertrouwde aan een kunstenaar uit de streek. Deze had den goeden
+smaak zich te laten inspireeren door een oud kunstwerk; maar daar hij
+over groote ruimte kon beschikken, vergrootte hij zijn bouwwerk. Op
+een voetstuk van 38 voet in het vierkant staat een platform, waar
+twintig zuilen de veranda dragen, die het graf omringt. Die zuilen,
+rijk versierd, zijn achthoekig, met kleinere pilaren eromheen en
+de voetstukken zijn met het prachtigst beeldhouwwerk getooid. Al
+kan men misschien van eenige overlading spreken, het is toch veel
+aantrekkelijker, zoo naar oude tradities terug te keeren, dan te
+jagen naar nabootsing van vreemde architectuur, zooals uit zooveel
+indische gebouwen blijkt.
+
+Naast het graf van de moeder van den Nabab vindt men een rij graven
+van twaalf mohammedaansche heiligen, wier namen onbekend zijn; allen
+broeders, naar het heet, en gesneuveld in hetzelfde gevecht.
+
+De architecten van de graven der laatste Nababs en van den vizier
+hebben op hun beurt het graf van de vorstin tot voorbeeld genomen. Men
+treft hier overal den strijd tusschen het artistiek gevoel, dat
+inlandsen werk verkiest, en de aanhangers van westersche motieven.
+
+Een mooi gebouw van moderne en westersche bestemming is het Bahauddin
+Arts College, gebouwd en bestemd om de herinnering aan den vizier
+levendig te houden. Het was kort vóór ons bezoek ingewijd door
+Lord Curzon. "Waar", zoo had de onderkoning gezegd, "vindt men een
+schitterender bewijs voor de veranderingen, die in Junagadh hebben
+plaats gehad, en voor zijn tegenwoordige welvaart, dan deze school,
+die de industrieën moet doen herleven, waar de indische kunstenaars
+hun roem aan te danken hebben? Het is opgetrokken bij de muren van
+een antiek fort in het hart van een staat, die eeuwen lang ten prooi
+was aan oorlog en plundering".
+
+De reiziger wordt vooral getroffen door de groote hoeveelheid steenen,
+die noodig zijn geweest voor de oprichting van al die huizen van
+vele verdiepingen, die paleizen, bazars, alles zoo stevig en toch
+zoo decoratief. Men zou denken, dat steenen overvloedig zijn in
+Kathiawar, en dat is ook inderdaad zoo, want de menschen hebben de
+ruïnen eenvoudig als steengroeven gebruikt.
+
+In 1875 zag Burgess systematisch een gebouw afbreken, en hoeveel
+oostersche steden zijn niet opgetrokken met de resten van hun
+voorgangsters!
+
+Alle godsdiensten en alle rassen leven vriendschappelijk in Junagadh;
+Brahmanen, Mohammedanen en de talrijke secten, die zich alle tot de
+Hindoes rekenen. Onder die laatste is die van Swami Narayen in het
+bezit van een mooien tempel. Ik had dien van Surate gezien, en later
+zou ik dien van Ahmedabad nog te zien krijgen.
+
+De secte van Swami Narayen telt een groot aantal aanhangers in
+Goedsjerat, waar ze zich vooral schijnt te hebben gevestigd; de
+stichter, een brahmaansch asceet uit Cudh, ging in 1800 ongeveer tot
+het Vischnoeïsme over en verliet zijn vaderland, om een eindelooze
+reeks van pelgrimstochten te gaan ondernemen. Hij stelde zich onder de
+bescherming van een goeroe of meester en woonde met hem te Ahmedabad
+en te Junagadh; daarna stichtte hij de nieuwe leer, gegrond op sommige
+leerstellingen van Krisjna. Dadelijk bij zijn komst in Goedsjerat was
+hij geschokt geworden door de praktijken van een visjnoeïtische secte
+uit de 16de eeuw, en daartegenover preekte hij een reiner leven en gaf
+een voorbeeld van matigheid en kuischheid. Narayen stierf in 1830. De
+gemeente is nog bloeiend en telt ongeveer 200.000 aanhangers, terwijl
+nog elk jaar nieuwe toetreden, want het is de regel, dat ieder lid
+zes nieuwelingen moet aanbrengen.
+
+Evenals in elke Hindoesecte zijn er twee afdeelingen, de gezinshoofden
+en de bedelaars; de laatste doen een gelofte van het celibaat, dragen
+het gele kleed der asceten en gaan twee aan twee uit om te preeken. Aan
+het eind van hun tournée worden ze opgenomen in kloosters, die bij de
+tempels behooren. Dat van Junagadh wordt onderhouden door de leden van
+het genootschap, dat vooral veel aanhangers wint onder de timmerlieden,
+de steenhouwers en de smeden.
+
+De Sardar Bagh, die buiten de muren der stad is gelegen, is een
+heerlijk doel voor een wandeling. Sardar khan, gouverneur van Sorath,
+liet het huis in 1681 bouwen en richtte er zijn graf op; maar hij
+stierf in Sind, waar zijn lijk is gebleven. De tuinen zijn met zeldzame
+boomen beplant en versierd met vijvers en paviljoens, waar de menschen
+de koelte gaan zoeken; maar de grootste aantrekkelijkheid van Sardar
+Bagh is de menagerie. Er is daar te zien de eenige soort van leeuwen,
+die nog in Indië bestaat en die in wezen blijft in de bosschen van
+den Gir, waar enkele paren zich vermenigvuldigen. De tijd is voorbij,
+toen de vorsten op de jacht naar groote roofdieren gingen.
+
+Dat bosch van den Gir is bijna honderd kilometer lang bij 32 breed,
+terwijl het grootste deel der oppervlakte in Junagadh ligt. Er liggen
+ook dorpen en gehuchten in. In den regentijd worden de dieren in de
+vette weiden gestuurd, die aan de waterloopen liggen.
+
+Hier moet ik nog eens gewagen van de rooverijen, die zoo lang
+Kathiawar berucht hebben gemaakt. De Gir diende tot toevlucht voor de
+stoutmoedigste Kathihoofden; als ze hun rooftochten hadden gedaan en
+hun veediefstallen en moorden volbracht, tartten ze daar de justitie
+en de weerwraak van huns gelijken. In het begin van de vorige eeuw
+verschool een Kathihoofdman, die in zijn erfrecht was gekrenkt,
+zich er met zijn bende. In 1820 maakte hij zich van kapitein Grant
+meester, een marineofficier in dienst van vorst van Baroda, en hield
+hem vier maanden gevangen. De ongelukkige kapitein heeft interessante
+aanteekeningen over zijn gevangenschap uitgegeven. Twee maanden lang
+werd hij nacht en dag blootgesteld aan alle weêr in het slechte
+jaargetijde en steeds bewaakt door twee mannen met den degen in
+de vuist. De vrouwen in de dorpen kozen ten laatste zijn partij en
+verweten den vorst zijn wreedheid.
+
+Met geweld gedwongen door de roovers, om aan hun barbaarsche gebruiken
+deel te nemen, kon hij als ooggetuige verklaren, dat ze in de dorpen
+der vijanden hun komst aankondigden door de kinderen, die voor de
+huizen speelden, het hoofd af te snijden. De jonge Kathi's spraken over
+niets anders dan over de moorden, die ze reeds hadden begaan, terwijl
+de grijsaards en wijzen en notabelen nachtelijke samenkomsten hielden,
+waarin ze uitmaakten dat de mensch het dier is, dat het moeilijkst is
+te dooden, want dat men nooit zeker is van zijn dood, als niet het
+hoofd aan den eenen kant ligt en het lijf aan den anderen. Sombere
+vergaderingen in den tijd, dat de leeuwen buiten brulden en om de
+kampen slopen.
+
+Dikwijls ging Bawavala, dronken van opium, bij zijn gevangene zitten
+en vroeg hem, hoeveel slagen er, naar hij dacht, noodig zouden zijn,
+om hem te dooden. Dan antwoordde de ongelukkige, die geheel uitgeput
+was, nauwelijks verstaanbaar, dat een enkele slag wel voldoende zou
+wezen. Maar het monster wenschte niet den dood van zijn slachtoffer;
+hij wilde enkel de uitlevering van zijn bezittingen als losgeld. Het
+was een afschuwelijk leven van die roovers, altijd de wacht houdend,
+slapend naast hun paarden met den teugel om den arm, gereed om in
+den zadel te springen bij de eerste beweging van het dier. Hun
+voornaamste bezigheid was het uitplunderen van rijke reizigers,
+die hun werden aangewezen.
+
+Kapitein Grant werd gered door tusschenkomst der Engelschen, die van
+den Nabab van Junagadh gedaan kregen de teruggave aan Bawavala van
+de goederen, die het andere Kathihoofd had geroofd; maar hij bleef
+zijn geheele leven ziek en verloor het geheugen. Om een denkbeeld
+te geven van de moderne zeden, diene, dat de vrouwen nog den lof
+zingen van Bawavala, den Robin Hood van Kathiawar. Wij zouden nog
+meer staaltjes van lateren tijd kunnen melden, maar wat met kapitein
+Grant is gebeurd, heeft min of meer een officiëelen stempel, en men
+kan ons dan niet van overdrijving beschuldigen.
+
+Een heele litteratuur is verbonden aan de heldendaden van de
+bendehoofden. De heer C. A. Kincaid heeft onlangs een belangwekkenden
+bundel het licht doen zien van oudere en nieuwere balladen, die op
+hun heldenstukken betrekking hebben. Men kan er den geest uit leeren
+kennen, die al sinds onheugelijke tijden in het land heerschte onder
+de menschen, die geneigd waren de rechten van het individu te doen
+voorgaan boven die der gemeenschap en tegen het gezag, welk dat
+ook was. Ondanks zijn misdaden was de misdadiger sympathiek aan de
+massa. Naast hem treedt dan het paard op, door de nationale dichters
+niet minder goed behandeld dan zijn meester. Het is de blanke merrie
+met de vlokkige, wapperende manen, die met wijd geopende neusgaten
+de ruimte verslindt, in één sprong over de muren van dorpen springt
+en zoo snel en licht zich beweegt, dat de vogels zich niet met haar
+meten kunnen.
+
+Thans is de Gir gastvrijer geworden. Men kan er veilig zich bewegen,
+vooral als men vergezeld is door Engelsche ambtenaren. Sasan op
+den zuidelijken oever van de rivier Hiran is de residentie van den
+inspecteur van het boschwezen. Daar was ook het kamp van Lord Curzon
+gevestigd. Vroeger was die plaats zeer ongezond en had zelfs aan die
+ongezondheid zijn naam te danken, want Sasan wil in het Sanskriet
+zeggen "straf", omdat men er de staatsgevangenen heen zond, opdat
+ze spoedig zouden sterven door de slechte hoedanigheid van het water
+ter plaatse.
+
+De leeuw, die oudtijds de glorie van Pendsjab en Hindostan was,
+is teruggedrongen naar deze boschrijke streek. Hij is niet de
+mindere van zijn soortgenoot uit Afrika, noch wat grootte betreft,
+noch wat den moed aangaat; de manen zijn zwart, bruin of geel, al
+naar gelang van den leeftijd. Hij zal zelden een mensch aanvallen;
+maar er worden gevallen vermeld, waarin hij een of meer slachtoffers
+heeft gemaakt. In de menagerie van Sardar Bagh worden de groote,
+welgeluchte kooien goed onderhouden, en de dieren zien er niet zoo
+ellendig uit als in Europa. Ze worden ook niet vaak door bezoekers
+lastig gevallen; en een knippen met de oogen of een gegrom is het
+eenige, dat de bewaker erlangt, als hij ze wil doen opstaan. Met die
+visite aan de leeuwen eindigde ons bezoek aan Junagadh.
+
+De ruïnen van den Uperkot of de citadel van Junagadh liggen links
+van den weg, die naar den Girnar leidt; wij kozen het eind van een
+schoonen dag, om ze te bezoeken. Zij zijn begrepen in den stadsmuur
+en bevinden zich op een soort van platform van natuurlijken aard
+tusschen de stad en den berg; de muren, omringd door een diepe gracht,
+zijn bijna zeventig voet hoog. Men komt er binnen door twee poorten;
+volgens oude kronieken waren er drie en 84 torens. Het grootste
+deel van het terrein is al lang ingenomen door de jungle, maar men
+is onlangs begonnen met de ontgraving, en nu is de citadel in het
+geheel niet meer in den deplorabelen toestand, dien Tod in 1822
+beschrijft. Door een gunstbewijs, dat nog door geen enkel Europeaan
+was verkregen, had de moedige reiziger kunnen binnendringen. Hoewel
+het geen oorlog was, hield men er goed de wacht en de poorten werden
+slechts ten halve geopend voor den reiziger. Overal zag hij verval
+en verlatenheid. Het is nog een imposant monument van de militaire
+mohammedaansche bouwwijze, die men terugvindt in vele vestingen uit
+denzelfden tijd.
+
+Het rijtuig bracht ons tot op de wallen; bij den ingang viel ons het
+gewelf boven de deur op, dat een merkwaardig voorbeeld was van de
+oude rajpoetische architectuur. Het is moeilijk den tijd van ontstaan
+vast te stellen; maar als die poort van vroegeren datum is dan de
+herstellingen, in de 15de eeuw aangebracht, zooals een opschrift
+aangeeft, toch klimt ze niet hooger op dan de 18de eeuw.
+
+In een sankrietsch werk uit de elfde eeuw van iemand, geboortig van
+Goedsjerat, wordt gezegd, dat de vierde vorst uit het geslacht der
+Chudasama's in de tiende eeuw overwonnen en gevangen genomen werd
+en daarna weer in vrijheid gesteld door een vorst uit Goedsjerat,
+dat hij vervolgens Vanthali verliet, dat zijn hoofdstad was, om zich
+te Junagadh te vestigen, waar hij de citadel liet bouwen, hetgeen
+verklaard wordt door de noodzakelijkheid, waarin de Chudasama's
+waren, om zich te beschermen tegen de invallen van hun machtige en
+oorlogzuchtige buren.
+
+Een beslissend getuigenis brengt steun aan dat bericht uit de
+elfde eeuw. De boeddhistische pelgrim Hioeën Thsang, die in de
+zevende eeuw reisde en die zoo minitieus de steden, bergen en oude
+grotten van Saurasthra heeft beschreven, maakt geen melding van den
+Uperkot, bewijs, dat de citadel niet bestond toen hij in de plaats
+was. In de elfde eeuw begint de geschiedenis van de belegeringen,
+die zij had te doorstaan, eerst van de Hindoevorsten, dan van de
+Muzelmannen. Overigens mag het fort ondanks de herhaalde capitulaties
+trotsch zijn op zijn lang verleden. Het heeft dapper de aanvallen
+weerstaan der veroveraars, die het op zijn bestaan voorzien hadden. Na
+de opneming van Sorath in het mongoolsche rijk treedt de vesting in de
+schaduw. In de 18de eeuw maakten de geldzuchtige Arabieren, wien men
+achterstallige soldij schuldig was, zich er herhaaldelijk meester van,
+en ze konden er slechts met moeite uit verdreven worden. Van dien
+tijd af hebben de gevangenissen, die het bevatte, slechts gediend
+voor de vorsten of de opstandelingen, van wie men zich wilde ontdoen.
+
+Het monument, dat het eerst de aandacht trekt, is de moskee, een groot
+gebouw van 136 bij 103 voet. Het uitwendige heeft niet veel stijl; het
+is zwaar en lomp met de vier granieten zuilen op de hoeken; maar het
+inwendige biedt een verrassing; er staan 140 zuilen in verschillende
+rijen. Die der drie eerste, van den gevel af naar binnen, zijn dikker,
+evenals die van de vijfde en tiende rij overdwars en zijn door bogen
+samen verbonden, zoodat ze, als ze waren voortgezet, het gebouw
+zouden hebben verdeeld in drie hoofdschepen in het midden en twee
+zijschepen van de helft der grootte. De preekstoel ligt elf treden
+boven den beganen grond, en de deuren zijn van prachtig bewerkt marmer.
+
+De moskee, die onder Mahmoed Bigaré werd begonnen, is waarschijnlijk
+nooit voltooid. Op de wallen staan twee zware kanonnen op de stad
+gericht en beroemd in de geschiedenis van Junagadh. Het grootste is
+bekend onder den naam van Nilam tope, het blauwe kanon; er staat een
+arabisch opschrift op, dat er aan herinnert, hoe het stuk in Egypte
+werd gegoten op bevel van sultan Soleiman, zoon van Selim Khan,
+koning van Arabië en Perzië, om de vijanden van den godsdienst te
+verdelgen en die van den staat,--dat waren de Portugeezen,--legers
+toen de steden van Indië bezetten.
+
+Achter de moskee ziet men aan den noordkant een merkwaardig staal van
+den bouw in de rotsen, namelijk de zalen, die in 1879 ter gelegenheid
+van het bezoek van Burgess werden ontdekt.
+
+De opgravingen brachten twee rijen van in de rots uitgehouwen woningen
+aan het licht, van een nog niet nader omschreven karakter. Onze
+onderaardsche wandeling was zeer interessant; door de groote openingen
+voor licht en lucht, die door de oorspronkelijke aanleggers zijn
+uitgespaard, kan men de gidsen volgen, zonder vrees van in de
+duisternis te verdwalen en door gebrek aan lucht te stikken.
+
+Op de eerste verdieping was een groot réservoir, misschien een
+vischvijver, aan drie zijden omgeven door een veranda, die overdekt
+was. Aan den westkant is er een soort van platform, gelijk aan die,
+waar men in tempels de beelden plaatst. Burgess denkt, dat de menschen
+er hun kleederen neerlegden, als ze zich baadden, en men kan nog
+sporen vinden van een buizenstelsel, dat het water aanvoerde uit een
+put in de buurt naar een kleinen regenbak aan den ingang, opdat het
+gezuiverd zou wezen, voordat het in het réservoir kwam.
+
+Het vertrek boven de baden, als men ze zoo mag noemen, ligt open
+en aan den kant, van waar het licht komt, staat een laag muurtje,
+zoodat door een wijde opening dat licht binnenstroomt. De gang aan
+den zuidkant vertoont twee zuilen met achtkantigen voet, welker
+kapiteelen met bloemen zijn versierd en met andere versieringen, die
+alle ongelukkig in zeer slechten staat zijn. Wij toefden lang in de
+zaal der baden, vóór we heengingen.
+
+Men kan deze rotswoningen niet beschouwen als bij een klooster
+behoorend; eerder doet de nabijheid van een oud paleis, het Khengar
+Mehal, vermoeden, dat ze een dépendance waren van dat huis, dat, in
+de jungle gelegen, overgeleverd is aan de moderne exploiteerders van
+een steengroeve. Het was nog te herkennen aan den 250 meter langen
+gevel in de rots uitgehouwen en gesteund door massieve pilaren, en
+bestond uit een doolhof van zalen, gangen en trappen. God behoede mij
+ervoor, daarmee den lezer lastig te vallen. Liever wil ik bij u de
+herinnering wekken aan de bewoners van die onderaardsche woningen, die
+zeer zeker aangename verblijven waren in den tijd van groote warmte,
+maar die in geen enkel opzicht gelijken op de kloosters en de lichte,
+sierlijke bouwwerken, over de heuvels van den Girnar verspreid.
+
+In den Uperkot of de vesting vinden wij twee groote putten, die uit
+den tijd der Chudasama's dagteekenen. De eene, de Adi Sjadi, werd
+aangelegd door twee slavenmeisjes van een der vorsten dier dynastie,
+en men daalt erheen af langs steenen trappen; de andere, de Noghan,
+klimt op tot de elfde eeuw. Een gang van tien voet breed, in een
+spiraal in de rots gehouwen, leidt langs 235 treden in de diepte,
+namelijk tot ongeveer 120 voet. Ze wordt verlicht door openingen in de
+rots; aan den eenen kant is een soort van balkon, waar een bedwelmende
+drank werd bereid in een grooten bak, dien men nog herkennen kan. Er
+wordt verteld, dat het hof er bacchantische feesten kwam vieren.
+
+Duiven vlogen rond boven een der putten, die door gebladerte
+overschaduwd werd. Ik wilde er in afdalen, maar de vochtigheid en
+vooral de stank van het erin staand water noodzaakten mij terug te
+gaan. Maar wel had ik er genoeg van gezien, om mij rekenschap te geven
+van die soort van putten, die zoo nuttig moeten zijn geweest. Want
+is niet het water een groote weldaad voor het Oosten? Hij, die het
+zijne bijdroeg tot de bewaring en verspreiding van een zoo nuttige
+stof, deed een gezegend werk, en werken van irrigatie hebben al van
+de oudheid af de regeerders van deze streken beziggehouden. Wij zullen
+daarvan ook een bewijs vinden aan den voet van den Girnar. Ook moderne
+werken van dien aard zijn in den Uperkot uitgevoerd.
+
+De vesting zag er in het roode licht van den vallenden avond
+schilderachtig uit; de ruïnen en de met boomen bedekte heuvels
+boeiden het oog; op een ouden muur vertoonden pauwen hun prachtig
+gevederte, en van de wallen overzag men de stad en de vlakte, al in
+schemering gedompeld, terwijl links zich de majestueuse top van den
+Girnar verhief.
+
+Boeddhistische grotten en holen komen er veel voor in Junagadh;
+Hioen Thsang heeft ze ook vermeld.
+
+Er waren in zijn tijd meer dan 50 kloosters en bijna 3000 monniken,
+en daarbij honderden tempels, waar monniken van verschillende secten
+in vrede leefden. Ondanks de verwoestingen door den tijd aangericht,
+en ondanks 400 jaren van mohammedaansche overheersching, treft men nog
+belangwekkende sporen van het boeddhistisch tijdperk aan. De reizigers,
+die van het land spreken, zeggen, dat de streek letterlijk met cellen
+was overdekt.
+
+Dat kluizenaarsleven is een der karakteristieke eigenaardigheden van
+het Boeddhisme. Ieder mocht gaan wonen in de bosschen of de grotten
+van het bergland, en als de regentijd daar was, kon de heremiet
+zich voegen bij zijn collega's, die in de kloosters of vihara's
+woonden. Die kloosters bestonden, schijnt het, uit een plein,
+omringd door cellen, met galerijen, die versierd waren. De cellen
+in de open lucht zijn verdwenen en enkel die zijn overgebleven,
+die in de rotsen waren uitgehouwen. De oudste inrichting schijnt te
+zijn geweest, dat de kleine cellen op rijen lagen met een veranda,
+die op pilaren rustte. Aan de westzijde is er aan het bouwwerk meer
+zorg besteed dan aan het beeldhouwwerk. Het dak wordt door zuilen
+gedragen, en een zuilengalerij geeft toegang tot een diepe zaal,
+waar de monniken dienst hielden en hun Boeddha's aanbaden. Aan den
+oostkant van den Uperkot bij het klooster Bawa Pyara vindt men ook
+van die onderaardsche woningen; maar hoe een denkbeeld te geven van
+dien overvloed van gangen en zalen en cellen? Er bestaat trouwens
+geen twijfel aan de bestemming van de bouwwerken.
+
+Hoe opgestapeld de aarde en het puin ook zijn in die zalen, de kenners
+hebben er de inrichting van een vihara in herkend. Ik mocht er niet
+binnentreden, en ik had ook inderdaad genoeg aan het uitwendige; de
+verbeelding stelde mij in staat, mij het leven van de monniken voor
+te stellen. Een opschrift leert, dat de holen ingericht waren voor de
+Dsjaina's door de koningen van Saurasthra op het eind van de tweede
+eeuw der christelijke jaartelling, of dat ze hun geschonken waren toen
+de Boeddhisten er geen gebruik meer van maakten. Het kloosterleven
+der Dsjaina's gelijkt, zooals bekend is, veel op dat der Boeddhisten.
+
+Verder in de jungle, te Maï Godesji, waren onder een ouden
+Hindoetempel, die in een moskee is veranderd, andere kamers; die
+behoorden waarschijnlijk niet bij een klooster, maar ze werden zeker
+gebruikt als die in den Uperkot.
+
+Van alle overblijfselen van den boeddhistischen godsdienst in
+Saurasthra is er geen enkel zoo belangrijk als de opschriften op
+den Asokasteen. Wij wijdden daaraan een morgen. Men verlaat dan de
+stad door de Wagheswaripoort in het Zuidoosten, en laat den Uperkot
+links liggen. Het is tevens de weg naar den Girnar. Vroeger hadden
+de reizigers, die naar de tempels gingen, te kiezen tusschen een
+wandeling en een draagstoel; thans leidt een rijweg naar den voet van
+den berg, en ons rijtuig reed een smal dal binnen, beplant met teak-
+en ebbenhoutboomen.
+
+In het begin der 19e eeuw legde de rijke paardenkoopman Sundarji, van
+Junagadh uit, een weg aan, waar hij boomen met rijk gebladerte langs
+liet zetten, opdat de pelgrims in de schaduw zouden kunnen uitrusten,
+zoodat men aan hen de ontdekking van den Asokasteen te danken heeft,
+want zonder dit voorbereidingswerk zou het monument nog verborgen
+wezen in de onontwarbare acaciaboschjes, die het omringen.
+
+De eerste, die er melding van maakt, kolonel Tod, heeft een
+levendig verhaal gegeven van zijn ontdekking in December 1822. Bij
+de samenkomst van de door Sundarji geplante laan en de Sonarekh,
+een der talrijke riviertjes, die den voet van den Girnar besproeien,
+komt een breede weg, evenwijdig aan de laan, uit bij een brug met
+drie bogen en voorzien van een leuning. Voordat die brug gebouwd was,
+liepen de pelgrims in den regentijd gevaar, door het water der rivier
+te worden meegesleurd, en veel ongelukken gebeurden er.
+
+Nadat men den weg heeft verlaten en naar rechts is gegaan, bereikt
+men den Asokasteen. Tod heeft hem beschreven als "een zware massa in
+den vorm van een halven cirkel van zwart graniet, die als een wrat op
+het menschelijk lichaam de schors van onze moeder aarde had doorboord,
+zonder een spleet of scheur te maken."
+
+De oppervlakte, die de steen besloeg, was 10 voet. De steen was in
+afdeelingen verdeeld of parallelogrammen, die opschriften in antiek
+schrift bevatten. Tod begreep, dat hij zich in de tegenwoordigheid
+bevond van een nog niet leesbare bladzijde der historie; hij bepaalde
+zich er toe, zijn secretaris te verzoeken twee der opschriften en
+een deel van het derde af te schrijven. En er werd in dertien jaren
+niets meer gedaan.
+
+In 1835 onderzocht Dr. Wilson, die tegen het vallen van den avond
+van den Girnar daalde, de opschriften, nog steeds onontcijferbaar
+geacht, ofschoon ze reeds de aandacht van de geleerde wereld hadden
+getrokken. Hij liet er afdrukken van nemen in 1837 en trachtte tot
+het begrip er van te komen, maar Prinsep was hem in 1838 voor met het
+vinden van den sleutel tot het nieuwe letterschrift. Door een gelukkig
+samentreffen had luitenant Kittoe te Dhauli een lang opschrift ontdekt,
+dat bijna identiek was aan dat te Junagadh, en kapitein Birtes liet
+een opschrift overnemen, dat gegraveerd was op een rots dicht bij het
+dorp Sjah-baz-garhi, 36 mijlen ten noorden van Peshawar, ook identiek
+met die van Girnar en Dhauli.
+
+Het was voor diegenen, die zich aan de bestudeering van de teksten
+wijdden, noodig correcte copieën te hebben en welverzorgde afdrukken
+van al die figuren. In 1838 werd luitenant Postans door het bestuur
+van Bombay naar Junagadh gezonden, om de opschriften te copiëeren
+en Burgess kwam in 1869 afdrukken maken. De steen was in die dagen
+door een kluizenaar bezet, die er zich een soort van hut naast had
+gebouwd en hout rondom had opgestapeld. De regeering van Bombay, van
+die feiten op de hoogte gebracht, richtte vertoogen tot den eersten
+minister van Junagadh, die over den steen een dak liet bouwen. Dat
+werd later vervangen door een soliede en fraai gebouwtje, waarin wij
+het genoegen hadden, eenige oogenblikken te rusten. Wij zullen de
+geleerden niet volgen in hun ontcijferingswerk en in hun verklaringen
+der opschriften. De opschriften zijn van het hoogste belang; men heeft
+ze terecht vergeleken met den steen van Rosette, met de opschriften
+op rotsen te Bisitoen, en met de steenbibliotheken van Assurbanipal.
+
+Een enkel woord over den vorst, van wien ze uitgingen. Asoka Biyadasi,
+koning van Magadha of Behar, die in de derde eeuw vóór Christus
+regeerde en tot het Boeddhisme werd bekeerd, legde er zich met ijver op
+toe, zijn godsdienstige denkbeelden te verspreiden. Er wordt gezegd,
+dat hij 64.000 priesters onderhield en kloosters stichtte in zoo
+groot aantal, dat zijn land nog het land der kloosters wordt genoemd,
+der vihara of behars. Hij maakte het Boeddhisme tot staatsgodsdienst,
+stelde een raad in, om de geloofsartikelen te verklaren, verspreidde
+zedelessen, benoemde een ministerie, om de zuiverheid der leer
+te handhaven en gaf bevel tot een herziening van den kanon der
+boeddhistische geschriften.
+
+Terzelfder tijd verspreidden legioenen van zendelingen zijn leer tot
+in de verste streken, en zijn wereldlijke macht zette kracht bij aan
+het prestige zijner boodschappers.
+
+Het monument is niet het eenige van zijn soort; veertien opschriften
+op rotsen in Indië verspreid, geven dezelfde voorschriften. Deze
+steen van Asoka telt veertien edicten of wetsbepalingen van Asoka
+en twee opschriften, die betrekking hebben op de herstelling van een
+oud réservoir, de Soedarsana.
+
+Men kan de voorschriften van Asoka aldus samenvatten:
+
+Ten eerste werd verboden dieren te dooden, om ze te eten of te offeren.
+
+Ten tweede werden voorschriften gegeven omtrent geneeskundige hulp
+voor menschen en dieren, omtrent aanplantingen en putten aan den kant
+der wegen.
+
+Ten derde werd bevolen, zich alle vijf jaren aan een boete te
+onderwerpen en opnieuw de groote zedelijke waarheden van het
+boeddhistisch geloof te publiceeren.
+
+Ten vierde werd een vergelijking getrokken tusschen den ouden staat
+van zaken en de nieuwe richting van den koning.
+
+Ten vijfde moesten er zendelingen worden benoemd, om de leer in
+vreemde landen te gaan verkondigen.
+
+Ten zesde werd de gelofte verplicht gesteld, dat men gelijkheid van
+rang en stand zou handhaven.
+
+Ten zevende werd de aanstelling van zederechters verplicht gesteld.
+
+Ten achtste werd op het verschil gewezen tusschen de materiëele
+genoegens van de voorgangers van den koning en zijn eigene.
+
+Ten negende werd een uiteenzetting gegeven van het ware geluk, dat
+slechts in deugd te vinden is, waardoor de zegeningen des hemels den
+mensch te beurt vallen.
+
+Ten tiende werd een vergelijking gemaakt tusschen den vergankelijken
+roem dezer wereld en de hemelsche zegeningen, waar de koning naar
+haakt.
+
+Ten elfde werd een verklaring gegeven van de stelling, dat de grootste
+van alle gaven, die men aan zijn medemensch kan schenken, is hem de
+deugd te leeren.
+
+Ten twaalfde wordt een woord tot de geloovigen gericht.
+
+Om eenig denkbeeld te geven van de voorschriften en van den stijl
+des koning-schrijvers, kiezen we het achtste, dat de bekeering van
+den koning tot het Boeddhisme inhoudt.
+
+"In vroegere tijden kenden de koningen de pleizierreizen, de jacht
+en andere vermaken. Maar Pyadasi, de geliefde koning der Deva's,
+tot het tiende jaar zijner regeering gekomen, heeft de volmaakte leer
+van Boeddha leeren kennen, en zal alleen die wet verspreiden.
+
+In de tiende stelling verklaart hij, dat de eenige roem, dien hij
+begeert, is zijn volken te zien gehoorzamen aan die wet en alle
+plichten te zien vervullen, die zij oplegt, en hij voegt erbij: "Het
+is een moeilijke zaak voor een middelmatig mensch, om de zaligheid
+deelachtig te worden, zooals ook voor iemand van rang, tenzij hij
+door buitengewone verdienste alles hebbe opgeofferd; maar voor een
+vorst is het nog veel moeilijker."
+
+Indien de koning dan al een vurig proselietenmaker is, hij heeft toch
+eerbied voor het geloof van anderen. Die gedachte drukt hij uit in
+het twaalfde voorschrift.
+
+"Pyadasi, de geliefde koning der Deva's, heeft eerbied voor
+elk geloof. Hij eert tevens de bedelaars, door hun aalmoezen te
+geven. Men moet alleen zijn eigen geloof liefhebben, maar men moet
+dat van anderen niet beschimpen; dan doet men niemand onrecht. Er
+zijn zelfs omstandigheden, waarin het geloof van anderen even hoog
+moet gesteld worden. Door dat te doen, versterkt men zichzelven in
+het geloof en dient tevens dat van anderen."
+
+Onnoodig, de aanhalingen nog te vermeerderen. Het is die geest van
+verdraagzaamheid, dien we vooral wilden laten uitkomen, want die
+geest zou zich door de eeuwen handhaven in het Boeddhisme.
+
+De andere opschriften, die een weinig beschadigd zijn, houden zich
+bezig met het Soedarsana of mooie meer, waarvan men de sporen in het
+dal heeft gezocht.
+
+Zooals ik al zei naar aanleiding van de irrigatiewerken in den Uperkot,
+men hield zich lang bezig met die vragen in Saurasthra. De opschriften
+leeren, dat het meer het werk was van een onderkoning van Kathiawar,
+die 300 jaar vóór Christus het aanlegde; dat het onder Asoka verfraaid
+werd en toen 350 jaar onveranderd bleef. Maar na dien tijd, in 129 na
+C. veroorzaakten hevige regens overstroomingen in het Girnargebied;
+een orkaan wierp boomen omver, deed rotsen schudden, rukte deuren uit
+hun voegen en vernielde de woningen. De wateren braken de dijken en
+sleurden alles mee. Het scheen een onherstelbare ramp, en de raadgevers
+van den koning deden er niets aan. Maar het volk vroeg luide naar
+zijn "schoon meer" en koning Rudra Daman, die toen over Goedsjerat
+regeerde, en die geen belastingen hief en geen heerendiensten vergde,
+maar alles uit eigen fondsen betaalde, stond zijn onderkoning toe,
+het meer te herstellen. Het opschrift zegt, dat die herstelling door
+middel van een dam werd bewerkstelligd.
+
+En er verliepen 310 jaren, toen in 449 op een nacht ten gevolge van
+hevige regens de dam bezweek tot grooten schrik der bevolking. Zeven
+jaren later slaagde de onderkoning erin, in twee maanden een dam te
+bouwen van 150 voet lang, en 102 voet breed en 35 voet hoog. Hoe lang
+hield het nieuwe werk stand en waardoor werd het vernield? Op welk
+tijdstip nam de plantengroei weer de plaats in van die watervlakte,
+die zich uitstrekte aan den voet van den Girnar? Wanneer trad de
+liefelijke rivier Sonarekh binnen haar bedding terug? Geen enkele
+overlevering maakt er melding van, en men weet zelfs niet, waar het
+Soedarsana gelegen was! Een pandit heeft de plaats vastgesteld op
+driekwart mijl van de stad naar het Oosten op weg naar den Girnar;
+vondsten van metselwerk, hier en daar teruggevonden, hadden hem tot
+die veronderstelling gebracht; maar in dat geval zou de weg naar
+den Girnar afgesloten zijn geworden en de bedevaartplaatsen, zooals
+Damodar Kund, zouden overstroomd zijn geworden en zouden ontoegankelijk
+zijn. Naar de muurresten te oordeelen in de bedding der Sonarekh en
+naar sommige golvingen van het terrein aan den linkeroever, denkt
+men eerder de omstreken van den Uperkot als de plaats van het meer
+te moeten aanwijzen.
+
+Ons bezoek aan den Asokasteen was zeer interessant geweest, en
+op den terugtocht wierpen we slechts even een blik op de mooie
+natuur. Aangekomen bij het Lal Bagh, maakten we toebereidselen voor de
+bedevaart naar den Girnar, die den volgenden dag zou plaats hebben. Van
+de meest aangrijpende herinneringen van het Boeddhisme zouden we
+overgaan tot de moderne werkelijkheid van een ermee wedijverende secte,
+de Dsjaïna's.
+
+Het ideaal van een heilig leven, door Asoka gedroomd, zou niet tot
+Indië beperkt blijven. De leer van dat leven ging over de grenzen, en
+de geest van het proselietisme, die het wezen van het Boeddhisme is,
+zond zendelingen naar de verste landen, waar ze zielen wonnen. Er zijn
+thans meer dan 500 millioen Boeddhisten in de wereld; in Indië en Birma
+drie millioen. Het Brahmaïsme, dat tijdelijk achteruitging, maar nooit
+verdelgd was, herkreeg zijn bloei in de achtste en negende eeuw, en in
+de elfde joegen de Mohammedanen beslist het Boeddhisme uit Kaschmir
+en Orissa, die alleen getrouw gebleven waren. De leerstellingen van
+Boeddha waren echter niet verloren gegaan; zij voegden zich bij de
+nieuwe elementen, met behulp waarvan het Hindoeïsme ontstond. Indië
+wierp diegenen uit, die er niet pasten en behield wat bij zijn aard
+en wezen paste. Het Boeddhisme liet echter op indischen grond, zooals
+ik reeds zeide, een secte achter, die het overleven zou.
+
+Het Dsjaïnisme heeft zijn oorsprong te danken aan Swami Mahavira,
+metgezel van Boeddha, misschien wel zijn leermeester, als men
+de teksten van de Dsjaïna's mag gelooven. Evenals de Boeddhisten
+verwerpen de Dsjaïna's de Veda, als dat boek in strijd is met hun leer,
+alsook de autoriteit der Brahmanen; ze houden geen rekening met de
+offeranden en leven in strikte zedelijkheid. Zij gelooven, dat hun
+verleden en hun toekomst van hun eigen handelingen afhangen en niet
+van den wil van God, en ze hebben een grooten eerbied voor het leven
+van menschen en dieren. Ze verdeelen den tijd in opeenvolgende era's
+en kennen aan elke era vier-en-twintig Dsjina's of rechtvaardigen toe,
+mannen, die volmaakt zijn geworden, door de menschelijke hartstochten
+te overwinnen.
+
+Er zijn er 24 geweest in het verleden; er bestaan in het tegenwoordige
+ook 24, en er zullen 24 in de toekomst wezen. Ze plaatsen in hun
+tempels kolossale marmeren beelden voor die Dsjina's.
+
+De Dsjaïna's worden in twee groote secten verdeeld, de Digambara's,
+in ruimte gekleed, en zoo genoemd, omdat de monniken van die secte
+de gewoonte hadden, geen kleederen te dragen. In Indië is namelijk de
+volkomen naaktheid aan zijn wijzen veroorloofd. De tweede secte is die
+der Swetambara's, wier monniken witte kleederen dragen. Deze bedienen
+zich steeds van een waaier en houden een lap voor den mond, om niet
+te dooden, want kleine levende wezens konden in hun mond komen en den
+dood vinden. Zij mogen een bedelschaal in de hand houden, om voedsel
+in ontvangst te nemen, dat de geloovigen hun geven, wat de Digambara's
+niet mogen doen. Dezen mogen de giften alleen in het holle van de
+hand aannemen. De monniken wonen niet samen in kloosters; ze reizen
+en trekken, leven van aalmoezen, en als ze behoefte hebben aan rust,
+trekken ze zich terug in rusthuizen, die vermogende Dsjaïna's voor hen
+hebben gebouwd. Vroeger waren ze verdeeld in talrijke broederschappen,
+waarvan nu nog vier of vijf over zijn.
+
+De leeken of Sjrawaks dragen noch heilig lint, noch teeken op het
+voorhoofd, noch houten halsband. Ze onderwerpen zich aan bepaalde
+reinigingen en hebben Brahmanen als dienstdoende geestelijken, al
+vereeren ze de monniken hoog. Hun godsdienstplichten zijn niet te
+vergelijken met die der Brahmanen, wier leven een onderwerping is aan
+nietigheden van den dienst; de gebeden van de Dsjaïna's zijn noch lang,
+noch ingewikkeld. De monniken worden aan geen enkelen regel gebonden,
+en de leeken zijn enkel gehouden aan een bezoek aan de tempels, waar
+ze driemaal moeten loopen om het beeld van hun heilige en buigen voor
+de andere kleine beelden, onder het aanbieden van een offer en het
+uitspreken van enkele formules.
+
+Goedsjerat is het uitverkoren land van die rijke en belangrijke secte;
+het aantal Dsjaïna's bedraagt in 't geheel nauwelijks een millioen.
+
+Als men het Dsjaïnisme zou willen omschrijven, kan men niet beter
+zeggen dan dat het een Boeddhisme is, voorzien van een mythologie
+niet van goden maar van heiligen. Inderdaad is het ideaal van een
+Dsjaïna een tempel te bouwen, waar hij het beeld van een zijner
+Dsjina's plaatsen kan, het steenen gebed, zooals ze zeggen en wat ook
+Fergusson heeft beweerd. Het gebed vindt dan zijn geloofsuitdrukking in
+de schoonheid der architectonische vormen en de pracht van het geheel.
+
+Zoo verklaart het zich, dat men zooveel prachtige Dsjaïna-tempels
+door geheel Indië vindt, bij voorbeeld bij de Aravalli, op den berg
+Aboe, in Bengalen te Parasnath; in Kathiawar op den heiligen berg
+Satrunjaya, eindelijk tegenover ons op het plateau van den Girnar,
+waar wij morgen den 22sten Dsjina gaan huldigen.
+
+Het bergmassief van den Girnar bestaat uit vijf toppen, den Amba Mata,
+bekroond met den tempel van de godin der primitieve tijden, Uma of
+Parvati; dan den Gorathnath, den hoogsten van alle, 3600 voet boven
+de zee; den Oghad Sikhara; den Datatreya en den Kalika.
+
+De Girnar was waarschijnlijk al een bedevaartplaats vóór den tijd
+van Asoka, te oordeelen naar de sporen van cellen van boeddhistische
+monniken, die men er nog vindt. Zijn wonderbare geschiedenis wordt
+verteld door Brahmanen zoowel als door Dsjaïna's; dertig hoofdstukken
+van de godsdienstige jaarboeken vieren zijn heiligheid in verhalen,
+die door de Brahmanen werden bedacht en gelegd in den mond van Siva,
+hun geliefden god. Elke bedevaartplaats heeft zoo haar boek, waarin
+zijn verzameld haar overleveringen, de godsdienstige gebruiken van de
+plek, de herstellingen, die in de heiligdommen worden aangebracht,
+de genealogie der heiligen, der weldoeners en der personen, die
+bedevaarten er heen hebben ondernomen.
+
+Volgens de Dsjaïna's hoorde Indra, toen hij aan Mahavira vroeg naar de
+namen der 25 heilige toppen, dat de vijfde was de groote berg Raivata,
+dat is de Girnar, die de vijfde wetenschap geeft, het eeuwig heil. De
+giften en gaven, die men er brengt, gelden voor verdiensten in deze
+wereld en in de andere, verdiensten, die alle zonden uitdelgen,
+begaan gedurende vele zielsverhuizingen. De wijzen hebben er geen
+materiëele zorgen meer; gelijk aan goden, brengen ze hun dagen door
+met het beoefenen van vrome werken en met de aanbidding van Nemi. De
+seizoenen zijn er betrouwbaar; de waterleidingen vloeien over van een
+nectar, door de goden geschonken; en eindelijk brengt de herinnering
+aan Raivata geluk. Het aanschouwen van den berg geneest ziekten,
+en als men er is geweest, worden al onze wenschen vervuld.
+
+Het landschap van den Girnar past bij zijn heiligheid. Het is er rustig
+en de eenzaamheid is er nu nog even gemakkelijk te vinden, als toen de
+berg bewoond werd door de monniken, die wijzen van de Veda's, aan wie
+Indië goddelijke vermogens toeschrijft. De lachende dalen, besproeid
+door heldere beken, de grotten, uitgehold in kloven in de rotsen,
+hebben nog hetzelfde aanzien. Zoo als ten tijde der pelgrimstochten de
+dichte menigte den top Amba Mata opgaat, in gewone tijden wonen alleen
+de dienstdoende priesters bij de heiligdommen, waar ze in het warme
+jaargetijde de aanwezigheid dulden van enkele bewoners van Junagadh,
+die de koelte komen zoeken; maar priesters, pelgrims, vreemdelingen,
+alle zonder onderscheid moeten zich onderwerpen aan de reglementen,
+die o.a. verbieden dierlijk voedsel te nuttigen op den heiligen berg;
+ook is alle handel er verboden, en kudden en herders moeten in de verte
+op de vlakte blijven. De Girnar is een plaats van rust voor vermoeide
+zielen, waar de Hindoe nieuwe kracht komt garen, bovennatuurlijke
+kracht, naar hij meent, en waar hij die verdiensten erlangt, die hem
+nieuwe beproevingen zullen besparen in nieuwe zielsverhuizingen.
+
+Onze excursie naar de tempels van den Girnar had op 12 Februari
+plaats. De heer C. Ch. Dhru wilde ons wel de noodige inlichtingen
+geven en voegde bij al zijn goedheden die van ons te vergezellen.
+
+Wij vertrokken tegen zeven uur in den morgen bij heerlijk
+weêr. Wij zouden dezelfde etappen nemen als de pelgrims. Toen we
+de Wagheswaripoort uit waren gegaan, volgden we den weg naar den
+Asokasteen, dien we rechts lieten liggen. Nadat men de brug over is
+gegaan over de Sonarekh, gaat men door een aardig dal, dat boschrijk
+is en naar den Damodar Kund leidt, zoo genoemd naar Krisjna of
+Damodar en een meer vormend van het water der Sonarekh. Er voert
+een brug over de Damodar Kund, die gebouwd is op bevel van den diwan
+Haridas. Het al te bescheiden opschrift vermeldt niet den naam van den
+edelmoedigen schenker; er is slechts sprake van een zoon, die hoopt,
+dat de zegeningen der pelgrims zijn ziel ten goede zullen komen, en
+dat de verdiensten van het werk in aanmerking zullen worden genomen
+naast die van zijn hoogvereerde moeder. Er wordt aan het water van de
+Kund een vreemde werking toegeschreven, die namelijk van menschelijke
+beenderen op te lossen, en daarom hebben de Hindoes een crematorium in
+de buurt gebouwd of eigenlijk een verbrandingsterrein. Toen wij over de
+brug gingen, steeg een lichte rookwolk boven de Burning Ghat omhoog,
+een donkere en sombere vlek, die een weemoedige tint werpt over het
+zonnige land. Wat heb ik nu al veel van die brandstapels gezien,
+voor het meerendeel van arme menschen, zoo maar opgericht aan den
+oever der rivier of aan een of ander zandig strand, opdat des avonds,
+als de vloed opkomt, deze den doode, die misschien maar half verbrand
+is, meevoere naar zee!
+
+Aan den voet van den berg, te Chadani Vav, begon de eigenlijke
+bergbestijging, en daar veranderde ons vervoermiddel.
+
+De vier doli's en de zestien dragers, die besteld waren, wachtten ons
+op. De doli is een soort van armstoel zonder pooten, gelijkend, naar
+men zegt, op een romeinsch zadel, gedragen op vier lange stokken,
+die rusten op de schouders van vier sterke koelies. Ik zal nooit
+toestemmen, dat het een aangename manier van reizen is. Ik ben geen
+liefhebster van den draagstoel, al had ik er in reisbeschrijvingen
+soms vol geestdrift van hooren spreken.
+
+Nu kan ik bijna niet onder woorden brengen, wat ik heb uitgestaan,
+toen ik voor de eerste maal van dat vervoermiddel gebruik maakte. Het
+was te Udvada; op den weg naar den Vuurtempel, dus vele mijlen ver,
+liggend in dat smalle bed van antieken vorm en beschut door een
+klein zeil, hoorde ik steeds de gejaagde ademhaling van mijn dragers;
+ik zag het zweet vloeien langs hun bruine lijven. "Arme broeders,"
+zei ik tot mijzelve, "vergeeft het mij, dat ik den moed niet heb, uw
+diensten te weigeren!" En dat was een eenvoudig ritje over een vlakken
+weg, die goed onderhouden was, terwijl nu een bestijging van meer dan
+2000 voet moest plaats hebben. Toch was dat gevoel bij mij wel wat
+overdreven; in den tijd der bedevaarten volvoeren de pelgrims soms
+meermalen per dag den tocht omhoog en ze blijven er gezond bij. Zij
+houden van hun vak, worden goed betaald en klagen niet.
+
+Dus moest ik mij er wel in schikken; mijn staat van herstellende zieke
+legt mij den plicht op, volgzaam te zijn, en mijn waardigheid van gast
+van den diwan is mede een reden, om gehoorzaam de doli te bestijgen.
+
+Stapje voor stapje, of eigenlijk trap voor trap, ging de
+bestijging. Vroeger moesten de bedevaartgangers zich, zoo goed en
+zoo kwaad als het ging, een weg banen te midden der rotsblokken en
+van het rotspuin en op enkele plaatsen waren dan uitgesleten trappen,
+terwijl vijf herbergen aan den weg hem onderdak of een verfrissching
+boden. Maar nu hebben granieten trappen, die breed en gemakkelijk
+zijn, maar nog al eens glad en vuil, en die om de rots heen loopen,
+den ouden weg vervangen.
+
+Die antieke trap was al gebouwd in 1166 en 1167 op kosten van een
+zekeren Amba, zoon van Raning, van de kaste der Sjromali's; ze werd
+hersteld in 1627 door een genootschap van pelgrims en eindelijk,
+in 1899, door de zorgen van de Girnar lottery, die meer dan 500,000
+francs uitgaf om de trap in den tegenwoordigen staat te brengen en
+om bruggen te laten slaan op de gevaarlijke punten tusschen Ambaji
+en Jorakhnath. Wij bepaalden de volgorde van den tocht. Vóór mij
+mijn moeder, goed beschut door haar zonnepet en stevig gezeten in
+den stoel op de schouders van haar dragers, dezelfde als van lord
+Curzon naar het schijnt; haar trouwe François naast haar. Dan kom ik
+en dan mijn secretaris, die in zijn hoedanigheid van gegradueerde
+van de universiteit van Bombay, in diepe gedachten verzonken is,
+waarvan het resultaat, zooals hij mij heeft verteld, een artikel zal
+zijn in een der dagbladen van Surate.
+
+Ik kan mij dus ongehinderd overgeven aan de overpeinzingen, waartoe
+de plaats en de herinneringen uitnoodigen; maar weldra worden ze op
+den achtergrond gedrongen door de bekoorlijkheid van het landschap;
+ik zie alleen nog met mijn physieke oogen de bewonderenswaardige
+tooneelen, die zich ontrollen en die winnen in grootschheid naarmate
+we hooger komen.
+
+Aan onze voeten liggen Junagadh, de Uperkot en de vlakten van Kathiawar
+en rondom hebben wij de boschrijke hoogten van den Girnar. Het is
+een verrukkelijk panorama.
+
+De ernstige stilte wordt alleen verbroken door zachte geluiden in de
+boomen; kleine, onschuldige aapjes spelen en doen den voorbijganger
+geen hinder. Bij de eerste halt stegen we uit aan den eenzamen weg,
+die sinds het woeden van de pest en den hongersnood verlaten is. De
+bedevaarten worden niet meer gehouden, want ieder gaat op eigen
+gelegenheid. Enkele pelgrims rusten in de herbergen uit; andere
+klimmen naar de hoogten, en er zijn er ook, die met hun stokken al
+hebben geraakt aan den heiligen grond van de toppen van Dattar en
+Gorakhnath. Allen komen van ver. Als men rustig met hen kon praten,
+wat zou men dan een goede voorstelling van de Hindoeziel krijgen,
+en als men ergens de geheimen van die ziel mocht onderzoeken, dan
+zou het zeker aan den Girnar zijn.
+
+Jonge vrouwen, in haar kleurige gewaden, komen met neergeslagen oogen
+van den Amba Mata, en de jonggehuwden brengen aan de godin cocosnoten
+en andere geschenken, opdat ze hun zegen schenke.
+
+Er waren veel asceten, die met verwarde haren en het lichaam met
+asch bedekt, in lompen gehuld rondliepen; een van hen was in een grot
+gehuisvest, waar we hem een bezoek brachten.
+
+In de oogen van den Europeaan zijn die waardelooze wezens in een
+goed georganiseerde maatschappij tot niets nut; maar voor den
+Indiër heeft de godsdienstige bedelaar zijn reden van bestaan,
+als de vertegenwoordiger van het oude ideaal van ascetisme en
+armoede. Is in Manoe niet het ascetisme de laatste etappe van het
+menschenleven? Volgens Boeddha is immers armoede de ware rijkdom. De
+asceten van tegenwoordig worden in veel klassen verdeeld; op den top
+van de ladder staat de Sanyasi, gewoonlijk Brahmaan van afkomst;
+daarna, veel lager, volgen de Yogi's, de Bawa's, de Sadhoes en de
+Gosains, die tot de lagere kasten behooren.
+
+Die laatsten leven in groepen, bedelen van huis tot huis, doen aan
+veel bijgeloovige gebruiken, en leggen zichzelven lichaamskwellingen
+op. In groepen staande om de heiligdommen, maken ze deel uit van
+de pelgrimages en komen ten laatste in de kloosters van hun secte
+terecht. Soms komen ze aan den weg om, maar al zou men hen in Frankrijk
+vagebond noemen, in Indië zijn het heiligen!
+
+Die bedelaars worden er gerekend tot de groote moreele krachten van
+het land. Zij dwalen zwijgend door de straten, bewegen zich onder
+de menigte, komen in de tempels en in de gezinnen, en de grootste
+moderne geesten zien in die ongelukkigen vertegenwoordigers van de
+onsterfelijke denkers van den godsdienst. Er zijn zelfs ministers
+geweest, die het hof en hun betrekking verlieten, om hun leven
+in ascetisme te besluiten. Die minachting voor den rijkdom, die
+niet zonder grootheid is, vindt men ook terug in de kringen van
+studenten. Zoo stellen zich de professoren van Fergusson college te
+Poenah tevreden met een allerminiemst salaris, en het zijn geleerden
+van den allereersten rang.
+
+Het leven van vrijheid en overpeinzing schijnt wonderlijk goed in
+dit land te huis te zijn. "Wanneer toch zal ik", zoo vraagt de
+boeddhistische monnik, "wonen in een grot op de bergen, alleen,
+zonder metgezellen, met de bewustheid van de wisselvalligheid des
+levens? Wanneer zal dat heerlijk lot het mijne zijn? Wanneer zal ik
+wijs wezen en in kleeren van lompen, met niets, dat ik het mijne kan
+noemen, en zonder begeerten, zonder liefde, haat en dwaling vroolijk
+op de bergen wonen?"
+
+De trappen, die al steiler worden, leiden naar een plateau, waar
+de eerste tempels zijn gebouwd, eerste etappe op meer dan 2000 voet
+hoogte. Men treedt er binnen door een groot portaal, dat tot een ruim
+gebouw toegang geeft, een zomerpaleis of fort, waarvan de ruïnen nu
+dienen als woning voor de priesters en hun bedienden.
+
+Aan den ingang is het opschrift, dat een verkorte lijst bevat van de
+vorsten uit de dynastie der Chudasama's. Vóór we binnengingen, werden
+we gelaten in een koele, donkere zaal, waar men ons verzocht, onze
+schoenen uit te trekken, om aardige laarsjes van rood laken ervoor in
+de plaats te stellen, met goud geborduurd, waarna we waardig zijn de
+gewijde ruimte te betreden. Er waren in de rotsen zalen uitgehouwen,
+en zoo vormden de dsjaïna-tempels een soort van forten. Er was een
+galerij omheen met cellen of nissen, die hetzelfde beeld vertoonen
+in verschillende grootte.
+
+Deze tempels zijn de mooiste van den Girnar; de andere, die in de
+buurt verspreid zijn of op de hellingen der bergen, zijn minder rijk
+of van jonger datum.
+
+De eerste is die van Neminath, aan wien de berg is gewijd; oudtijds
+was de hoofdingang aan den zuidkant; maar die entrée is verboden en
+men komt nu binnen door een ingang in het Khengarpaleis. Het gebouw
+staat op een vierkant plein van 190 bij 130 voet; op een zuil in
+een der zalen zegt een opschrift, dat het in 1278 werd hersteld,
+en hieruit kan men den ouderdom wel zoo wat afleiden. Er zijn twee
+zalen en een heiligdom, waar een zwart marmeren standbeeld staat van
+Neminath, behangen met versierselen van goud en edelgesteenten.
+
+Rondom liep een gang met marmeren beelden, die oogen hadden van
+rotskristal. In de tweede zaal bemerkt men twee platforms van fijn
+gesteente, bedekt met afbeeldingen van voeten in paren, ter herinnering
+aan de 2452 voeten der eerste leerlingen van Neminath. Natuurlijk
+kan men nauwelijks een derde ervan terugvinden.
+
+Al die wijde ruimten, overgoten met het heldere morgenlicht,
+waren aangrijpend van helderheid en witheid. Er waren in de
+zalen slechts enkele pelgrims en de brahmaansche priesters van den
+Girnar. Onze tegenwoordigheid wekte in het minst geen onwelwillende
+nieuwsgierigheid. Het was mijn eerste betreden van een tempel der
+Dsjaïna's; ik had nog nooit een dienst bijgewoond, zooals later in
+Palitana en Calcutta, diensten, die trouwens zeer eenvoudig zijn en
+hoofdzakelijk bestaan uit het zingen van priesters onder begeleiding
+van muziek en het branden van wierook voor de beelden.
+
+Ik hoopte, het beeld te zien van Amyhara, dat in een onderaardsch
+verblijf wordt bewaard en waarvan het heet, dat het zweet.
+
+Om den tempel loopt een gesloten galerij met opengewerkte afsluiting,
+waarin kleine nissen met de vaak herhaalde beelden van den zittenden
+Dsjina Parasnath. Aan den zuidkant leidt een doorgang tusschen
+twee nissen of cellen naar een lage zaal, gesteund door granieten
+zuilen. Tegenover den ingang stonden twee groote beelden van zwart
+marmer, met daarbij een liggenden leeuw en een krokodil. Bij het
+rookende licht van onze fakkels kon men weinig onderscheiden. Deze
+onderaardsche verblijven maakten deel uit van de vroegere kloosters.
+
+Een lage deur voerde ons in een duister vertrek, waar we werden
+verzocht om af te dalen of liever ons te laten zakken in een lagere
+zaal. Daar troont in eenzame majesteit, in eeuwig zwijgen, het beroemde
+beeld van Parasnath. Toen ik in zijn tegenwoordigheid werd toegelaten,
+kon ik niet nalaten een stap achteruit te doen. Het type is dat van
+de andere Dsjaïna-beelden, met de handen gekruist over de zilveren
+voeten, die ook gekruist zijn, het gelaat verlicht door groote,
+amandelvormige oogen, aangeduid door schitterende plekken, en den
+fijnen mond, die glimlacht, terwijl de lange oorlellen op de schouders
+afhangen. De vlam speelde op die zonderlinge figuur met felle licht-
+en schaduwplekken, en de indruk was niet aangenaam, zoo onaangenaam
+zelfs, dat ik geen aandacht had voor een der andere beelden, o.a. dat
+van Neminath aan mijn rechterhand, en dat ik gauw mijn plaats afstond
+aan mijn moeder en de anderen. Dit beeld wordt in hooge eere gehouden
+door de leden der secte en door de priesters. Wat de legende betreft
+van den fameusen waterdruppel, die uit zijn oor vloeit en een gat
+boort in den schouder, daar zal ik niet bij stil staan. Toch heeft
+hij aan het beeld den naam van Amyhara bezorgd, dat is druppel nectar.
+
+Met veel genoegen stegen we weer omhoog naar het licht en na het
+verblijf in die vochtige holen was het zien van het zonlicht een
+vreugde. Op den Girnar behoeft er geen vrees te bestaan, dat het
+felle licht den indruk der heiligdommen zal bederven. Het speelt
+integendeel in het beeldhouwwerk der plafonds, glijdt langs de nissen
+en om de pilaren en doet nooit die vervallen oudheid zien, die in
+andere deelen van Indië de monumenten kenmerkt. Het is of de Girnar
+een eeuwige jeugd geniet.
+
+Nu moesten wij nog een oog slaan op de pleinen, waar geen duimbreed
+gronds ongebruikt is gelaten. Men heeft er heiligdommen opgericht
+voor schutsgoden, bij voorbeeld Amba Mata, en kleine monumenten zijn
+gebouwd boven de voetstappen der hoogepriesters.
+
+Ons links wendend, zonder den eigenlijken tempelkring of Deva Kota te
+verlaten, vonden we een groep van drie tempels, die van Rishabhdev,
+Merakvasi en Sangharam Soni. De eerste bevat het kolossale beeld
+van Rishabhdev, den eersten Dsjina of Tirtankara; het is bedekt met
+pleister en draagt op elken schouder een staanden persoon in een
+houding van nadenken. De beide andere munten uit door de schoonheid
+der zolderingen en de détails van het beeldhouwwerk; het is alles
+schitterend. Tot aan den tijd van ons bezoek was het onmogelijk
+gebleken, er een photografie van te nemen door het witte en diffuse
+licht, dat tot in de verste hoekjes dringt. Misschien is men er later
+beter in geslaagd. Het heiligdom ligt op het Westen, een omstandigheid,
+die verklaard wordt door de vroegere bestemming van deze monumenten,
+die paleizen waren. Woonden in dergelijke woningen de echtgenooten
+van de Chudasama's? In den tempel van Sangharam Soni herkent men nog
+het best aan de proporties een koninklijke residentie. Die tempel is
+gewijd aan Parasnath, wiens modern standbeeld er te zien is.
+
+Buiten de Deva Kota vinden we eerst den tempel van den Rajah Samprati,
+die zeker de mooiste is door de gratie zijner lijnen, zijn prachtige
+ligging op de helling van den berg, en zijn plafondschilderingen,
+waarin de kunstenaars der Dsjaïna's zichzelven hebben overtroffen. Hij
+is ook de oudste van de groep van den Girnar; een opschrift in het
+inwendige geeft als tijd van de stichting het jaar 1158 aan.
+
+Aan de noordzijde, een weinig afgezonderd van de groep, staat de
+Kumarpal, waarvan het lange portiek door 24 zuilen wordt gedragen. Het
+gebouw was in de vorige eeuw bijna verwoest; er was nog slechts een
+enkele zaal over. Toen de Dsjaïna's tot de herstelling besloten,
+bespeurden ze, dat een sivaïetisch bankier er bezit van had genomen,
+om er een voor hem heilig beeld te plaatsen. In wanhoop dreigden ze,
+dat ze, als men hun het eigendom niet teruggaf, tot de plechtigheid
+van het _dharna_ te zullen overgaan, dat wil zeggen, bij de poort
+van den tempel te gaan zitten en te vasten tot de dood zou intreden,
+zoolang ze hun bezit niet terug hadden. De partijen kwamen tot een
+vergelijk, en volgens het opschrift had de restauratie in 1824 plaats;
+het heiligdom bevat drie beelden.
+
+Eindelijk is er ten oosten van de Deva Kota, rechts van den weg die
+naar het heiligdom van Amba Mata leidt, de drievoudige tempel van
+Vestupal Tejpal. De dsjaïnische kunst ontplooit er al haar pracht in
+de versiering der zolderingen, der pilaren en der koepels; ongelukkig
+heeft het beeldhouwwerk veel geleden. Het monument is zeer oud en werd
+in 1229 opgericht door den minister van een koning van Goedsjerat en
+zijn broeder.
+
+Het bezoek der tempels, hoe vlug het ook plaats had, was lang en
+vermoeiend geweest; ik heb er slechts een flauw denkbeeld van kunnen
+geven, en moet veel karakteristieke détails voorbijgaan; maar daar ik
+er geen foto's van kon krijgen, zou de beschrijving geen doel treffen.
+
+De heer K. Ch. Dhru noodigde ons op een déjeûner in de voor gasten
+bestemde zaal; maar in zijn hoedanigheid van Brahmaan mocht hij
+niet aan onzen maaltijd deelnemen. Aan tafel liep het gesprek over
+de dingen, waar wij van vervuld waren, vooral over den oorsprong en
+de ontwikkeling der dsjaïnische kunst.
+
+Het was trouwens slechts de herhaling van de meeningen der groote
+autoriteiten en van de indrukken der reizigers, in het bijzonder
+van Tod, wiens levendige beschrijvingen mij lust hadden gegeven,
+naar Girnar te gaan en mij tot geestdrift hadden gestemd.
+
+Minder begunstigd dan hij, werd het ons niet vergund, den nacht
+door te brengen op het mooie platform van de Deva Kota, en geen
+bliksemstraal, die de wolken scheurde, stond ons toe, met een enkelen
+blik de vlakten van Kathiawar en de verre oevers van Mangrol en Pattan
+te omvatten. Doch waarom getreurd, de helderheid der atmosfeer, het
+vriendelijke landschap, de zachtheid der temperatuur passen bij een
+streek, die de woonplaats der goden is geweest, en dat is de indruk,
+dien wij wenschen mee te nemen.
+
+Toen het déjeûner was afgeloopen, hervatten we onzen tocht naar den
+top van den berg; we moesten nog 600 voet stijgen. Links van ons
+boven de tempels teekende zich op de lucht een groot blok graniet
+af, de Bairav Jap, Sprong van den Dood, van waar de ongelukkigen,
+die met de bevrijding van hun kwalen de belooning hoopten te vinden
+voor hun wanhoopsdaad, zich naar beneden stortten, een belooning,
+die hen van treurig misdeelden en nederige proletariërs zou maken
+tot heeren en vorsten in het paradijs van Indra.
+
+Het slachtoffer, gedost in zijn mooiste kleederen, gaat naar den rand
+van den afgrond; met den voet rustend op een cocosnoot, balanceert
+hij een oogenblik en glijdt dan in het ledige, waar zijn lichaam op
+de punten der rotsen te pletter valt. Er werden ons veel voorbeelden
+genoemd van deze soort van godsdienstigen zelfmoord; maar de engelsche
+politie verzet zich krachtig tegen de ellendige praktijk. Meestentijds
+zijn de ongelukkigen van beperkt verstand, door geestdrijvers ingepakt
+en soms onder den invloed van alcoholische dranken.
+
+Tweehonderd meter boven de Deva Kota moet men niet verzuimen, een blik
+te werpen op het heiligdom van Mahadav en zijn heilig waterbekken,
+waar de pelgrims hun wasschingen moeten verrichten.
+
+Wij bestijgen de laatste treden, die naar den tempel van Amba Mata
+voeren, en terwijl onze beminnelijke gids zijn godsdienstplichten
+vervult, brengen wij een bezoek aan het inwendige. De priesters
+haastten zich een armen asceet te verjagen, wiens staat van naaktheid
+zijn verdwijning achter de rotsen rechtvaardigt.
+
+De tempel, die tot vrij hooge oudheid opklimt, is van zwart graniet
+gebouwd; hij was vroeger door een portiek omgeven, maar de bogen zijn
+dichtgemetseld. In 1889, toen de bliksem het gebouw had beschadigd,
+werd het hersteld door de Hindoes van Junagadh. Het inwendige is zoo
+donker, dat men ternauwernood het beeld van Amba Mata kan herkennen,
+de godin der oude tijden, een der gedaanten van Uma of Parvati.
+
+De zindelijkheid liet veel te wenschen over, en enkele reizigers
+hebben de weinig vleiende opmerking gemaakt, dat de tempel niet
+geveegd schijnt te zijn, sinds de Boeddhisten of de Dsjaïna's hem aan
+de Brahmanen hebben afgestaan. Wij offeren ons penningske, en we gaan
+het uitzicht bewonderen, want van den Amba Mata kan men het gansche
+bergstelsel van den Girnar overzien. In het Oosten, vrij dicht bij ons,
+de Goraknath, gekroond met een tempeltje, gewijd aan den leerling van
+den een of anderen heilige; wat verder de Dattar, die geen spoor van
+eenigen plantengroei vertoont op zijn flanken van graniet; op den top
+staat een gebouwtje, dat de voetstappen van Neminath bedekt, en waar,
+naar beweerd wordt, de dsjina het Nirvana bereikte; en eindelijk,
+lager, de Kalika met een tempel voor de godin Kalika. Lagere bergen
+staan als een gordel om de hooge, en in het Zuiden breidt zich het
+woudgebied van den Gir uit. Alle dalen van het bergland en der lagere
+ketenen zijn bosch- en wildrijk.
+
+De Kalika staat in een niet te besten reuk, waardoor de geheele
+groep van bergen min of meer berucht is. Hij heeft tot in de jongste
+tijden tot woonplaats gediend aan de Aghori's. Een Aghori is iets
+verschrikkelijks, oordeelt men in Indië, en niet ten onrechte, zooals
+wij zullen zien.
+
+Als godsdienstige secte zijn de Aghori's zeer oud en worden in de
+geschiedenis vermeld als menscheneters. De schrijver van "Dabistan",
+een werk uit de 17de eeuw, verhaalt, dat hij een Aghori gezien heeft,
+die een lijkzang zong, zittend op een lijk, dat hij verslond, ofschoon
+het al tot ontbinding was overgegaan. Deze schepsels aanbidden de
+godin Aghori Mata, maar van eigenlijken godsdienst kan bij hen geen
+sprake zijn, evenmin als van eenig wijsgeerig systeem, al beweren zij,
+dat ze de logische consequenties aanvaarden van de pantheïstische
+philosofie der Vedanta. Vroeger deden ze aan menschenoffers, en de
+plechtigheden bij hun inwijding waren iets monsterachtigs, terwijl
+ze tot op onzen tijd nog zeer weerzinwekkend moeten wezen.
+
+Het is bewezen, dat de leden der secte gedwongen worden,
+menschenvleesch te eten; om zich te verontschuldigen, beweren
+zij, dat hun hoofden hen uit de gemeenschap zouden stooten, als ze
+weigerden, zich aan die afschuwelijke gewoonte te onderwerpen, en dat
+ten overvloede de smaak van menschenvleesch hun de kennis verschaft
+van de onzienlijke dingen. Ze komen niet dikwijls te zamen; maar te
+Benares zijn er nog velen en daar zwerven ze om de kerkhoven rond,
+om den deelnemers aan begrafenissen geld af te persen.
+
+Ziehier het portret van den Aghori, geteekend door de hand van een
+kenner. "Zwart, vuil, harig, de oogen met bloed beloopen, de neusgaten
+wijd uitstaande, lange nagels, een met zweren bedekt lichaam, het haar
+vol ongedierte, in volkomen naaktheid, zoo is de Aghori. Hij ziet uit
+de oogen als een krankzinnige, lacht ook als zulk een ongelukkige,
+laat de tong uit den mond hangen en heeft vuile tanden. Nooit wascht
+of reinigt hij zich; hij voedt zich met krengen en lescht zijn dorst
+met rottend water, in de eene hand houdt hij een schedel vast en
+in de andere een of ander martelwerktuig. Aldus heeft Malabari hem
+beschreven.
+
+De Aghori's hebben altijd schrik verspreid, waar ze zich vertoonden,
+en op het platte land vreesden hen de moeders, omdat men kinderroof
+van hen kende. Hun voornaamste verblijf was de berg Kalika. Thans
+zijn ze bijna verdwenen; maar de berg is nog berucht door hun vroegere
+aanwezigheid.
+
+Toen kwam de tijd, dat wij aan vertrekken moesten denken. Het ging
+bliksemsnel bergaf. Wat mij betreft, ik was zoo ingenomen met mijn
+lakensche laarsjes, met goud geborduurd, en ik was er zoo gemakkelijk
+mee geschoeid, dat ik besloot, te voet naar beneden te gaan in
+gezelschap van den heer Dhru. Moeder hernam ernstig haar plaats in
+den draagstoel; maar ik had niet voorzien, wat er met haar en de
+doli zou gebeuren; pas waren de stokken stevig op de schouders van
+de koelies geplant, of dezen gingen er in galop van door, sprongen
+als geiten over de granieten treden, vlogen langs de corniches op
+geen twee vingers afstands van den afgrond en mijn moeder werd in
+dien dollen ren meegevoerd! De heer Dhru had met zijn zachtheid en
+beleefdheid moeite, mij gerust te stellen. Onze bediende François
+was doodverschrikt en sloeg met zijn armen in de lucht. Nu was het de
+beurt van mijn secretaris, wiens dragers die van mijn moeder volgden
+op eenigen afstand; in 45 minuten waren ze allen beneden aangeland.
+
+Toen ik mijn moeder terugvond, was ze heel kalm, hoewel wat verbaasd
+over den dollen tocht; ze vond het zelfs wel een aardige ervaring,
+en we hadden er drie dagen later weer plezier van op den rit naar
+Palitana, waar we niet zoo verschrikt behoefden te zijn over de haast,
+waarmee we toen daalden.
+
+In het Lal Bagh teruggekeerd, werd ons gezegd, dat de eerste
+minister terug was en dat hij ons tegen den avond een bezoek zou
+komen brengen. Het was ons een genoegen, persoonlijk kennis met hem
+te maken en hem onzen dank te betuigen voor de gastvrijheid, die wij
+te Junagadh hadden gevonden.
+
+De heer Chunilal Sarabhai heeft een schitterende loopbaan gehad. Hij
+is uitstekend op de hoogte van den godsdienstigen, financiëelen
+en staatkundigen toestand van de streek, is minister geweest in
+verscheiden naburige staten, waar men hem in moeilijke omstandigheden
+te hulp riep. Hij is Brahmaan van de kaste der Nagars en geboortig
+uit Ahmedabad; zijn voorvaderen onderscheidden zich in den dienst
+van de keizers van Delhi, waardoor ze den titel van Hazaret en den
+post van diwan van Goedsjerat kregen.
+
+Het gesprek liep over de meest verschillende onderwerpen, den
+hongersnood, de besproeiingswerken, de maatschappelijke hervormingen,
+en bij dat gesprek gaf ik mij eerst goed rekenschap van de beteekenis,
+die voor Indië moet worden gehecht aan die mannen, die langen tijd er
+de zaken hebben bestuurd en bij wie de engelsche regeering hulp zoekt,
+als ze de reorganisatie van de toestanden ter hand neemt.
+
+Het zou onverstandig wezen, in het zoo teêre raderwerk der inlandsche
+staten in te laten grijpen door menschen, die alleen een europeesche
+universitaire opleiding hebben genoten. De groote ministers, zooals de
+Brahmaan Madhav Rao, die de orde heeft hersteld in de staat Baroda;
+Salar Jung, die een steun in Nizam is geweest, zij hebben succes
+gehad daar, waar Engelschen en verengelschte Indiërs schipbreuk
+hebben geleden.
+
+Den volgenden dag vertrokken wij naar Palitana, om ons bezoek aan de
+tempels te voltooien met een tocht naar den berg van Sattrunjaya, en
+na drie dagen, doorgebracht ten huize van Z. H. den takore Masingji,
+begaven we ons weer terug naar Ahmedabad.
+
+
+
+
+AANTEEKENING
+
+
+[1] Berg in het Noordwesten van Voor-Indië op het schiereiland
+Goedsjerat.
+
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's De monumenten van den Girnar, by D. Menant
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE MONUMENTEN VAN DEN GIRNAR ***
+
+***** This file should be named 23341-8.txt or 23341-8.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/2/3/3/4/23341/
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
diff --git a/23341-8.zip b/23341-8.zip
new file mode 100644
index 0000000..9023d25
--- /dev/null
+++ b/23341-8.zip
Binary files differ
diff --git a/23341-h.zip b/23341-h.zip
new file mode 100644
index 0000000..433d0c3
--- /dev/null
+++ b/23341-h.zip
Binary files differ
diff --git a/23341-h/23341-h.htm b/23341-h/23341-h.htm
new file mode 100644
index 0000000..752c983
--- /dev/null
+++ b/23341-h/23341-h.htm
@@ -0,0 +1,2648 @@
+
+<!DOCTYPE html
+PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN" "http://www.w3.org/TR/html4/loose.dtd">
+
+<!-- This HTML file has been automatically generated from an XML source, using XSLT. If you find any mistakes, please edit the XML source. -->
+<html lang="nl-1900">
+<head>
+<meta http-equiv="Content-Type" content="text/html; charset=ISO-8859-1">
+
+<title>De monumenten van den Girnar</title>
+<link rel="schema.DC" href="http://dublincore.org/documents/1998/09/dces/">
+<meta name="author" content="D. Menant">
+<meta name="DC.Creator" content="D. Menant">
+<meta name="DC.Title" content="De monumenten van den Girnar">
+<meta name="DC.Date" content="#####">
+<meta name="DC.Language" content="nl-1900"><style type="text/css">
+/* Standard CSS stylesheet */
+
+
+
+body
+{
+font: 100%/1.2em "Times New Roman", Times, serif;
+margin: 1.58em 16%;
+text-align: left;
+}
+
+.titlePage
+{
+border: #DDDDDD 2px solid;
+margin: 3em 0% 7em 0%;
+padding: 5em 10% 6em 10%;
+}
+
+h1.docTitle
+{
+font-size:1.6em;
+line-height:2em;
+}
+
+h2.byline
+{
+font-size:1.1em;
+font-weight:normal;
+line-height:1.44em;
+}
+
+span.docAuthor
+{
+font-size:1.2em;
+font-weight:bold;
+}
+
+h2.docImprint
+{
+font-size:1.2em;
+font-weight:normal;
+}
+
+.transcribernote
+{
+background-color:#DDE;
+border:black 1px dotted;
+color:#000;
+font-family:sans-serif;
+font-size:80%;
+margin:2em 5%;
+padding:1em;
+}
+
+.div0
+{
+padding-top: 5.6em;
+}
+
+.div1
+{
+padding-top: 4.8em;
+}
+
+.index
+{
+font-size: 80%;
+}
+
+.div2
+{
+padding-top: 3.6em;
+}
+
+.div3, .div4, .div5
+{
+padding-top: 2.4em;
+}
+
+.footnotes .body,
+.footnotes .div1
+{
+padding: 0;
+}
+
+h1, h2, h3, h4, h5, h6
+{
+clear: both;
+font-style: normal;
+text-transform: none;
+}
+
+h3
+{
+font-size:1.2em;
+line-height:1.2em;
+}
+
+h3.label
+{
+font-size:1em;
+line-height:1.2em;
+margin-bottom:0;
+}
+
+h4
+{
+font-size:1em;
+line-height:1.2em;
+}
+
+h4.lghead
+{
+margin-left:10%;
+margin-right:10%;
+}
+
+.alignleft
+{
+text-align:left;
+}
+
+.alignright
+{
+text-align:right;
+}
+
+.alignblock
+{
+text-align:justify;
+}
+
+p.tb, hr.tb
+{
+margin-top: 1.6em;
+margin-bottom: 1.6em;
+margin-left: auto;
+margin-right: auto;
+text-align: center;
+}
+
+p.poetry
+{
+margin:0 10% 1.58em;
+}
+
+p.line
+{
+margin:0 10%;
+}
+
+p.argument, p.note, p.tocArgument
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+text-indent:0;
+}
+
+p.argument, p.tocArgument
+{
+margin:1.58em 10%;
+}
+
+p.tocChapter
+{
+margin:1.58em 0%;
+}
+
+p.tocSection
+{
+margin:0.7em 5%;
+}
+
+
+div.epigraph
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+width: 60%;
+margin-left: auto;
+}
+
+.epigraph .bibl
+{
+text-align: right;
+}
+
+.epigraph .poem
+{
+margin-left: 0;
+}
+
+.epigraph .line
+{
+margin-left: 0;
+text-indent: 0;
+}
+
+.trailer
+{
+clear: both;
+padding-top: 2.4em;
+padding-bottom: 1.6em;
+}
+
+.floatLeft
+{
+float:left;
+margin:10px 10px 10px 0;
+}
+
+.floatRight
+{
+float:right;
+margin:10px 0 10px 10px;
+}
+
+p.figureHead
+{
+font-size:100%;
+text-align:center;
+}
+
+.figure p
+{
+font-size:80%;
+margin-top:0;
+text-align:center;
+}
+
+p.smallprint,li.smallprint
+{
+color:#666666;
+font-size:80%;
+}
+
+span.parnum
+{
+font-weight: bold;
+}
+
+.leftnote
+{
+font-size:0.8em;
+height:0;
+left:1%;
+line-height:1.2em;
+position:absolute;
+text-indent:0;
+width:14%;
+}
+
+.pagenum
+{
+display:inline;
+font-size:70%;
+font-style:normal;
+margin:0;
+padding:0;
+position:absolute;
+right:1%;
+text-align:right;
+}
+
+a.noteref
+{
+font-size: 80%;
+text-decoration: none;
+vertical-align: 0.25em;
+}
+
+
+.displayfootnote
+{
+display: none;
+}
+
+div.footnotes
+{
+margin-top: 1em;
+padding: 0;
+}
+
+hr.fnsep
+{
+margin-left: 0;
+margin-right: 0;
+text-align: left;
+width: 25%;
+}
+
+p.footnote
+{
+font-size: 80%;
+margin-bottom: 0.5em;
+margin-top: 0.5em;
+}
+
+p.footnote .label
+{
+float: left;
+text-align:left;
+width:2em;
+}
+
+.footnotes td, .footnotes th, .footnotes .tablecaption
+{
+font-size: 80%;
+}
+
+
+.poem
+{
+margin-left:5%;
+position:relative;
+text-align:left;
+width:90%;
+}
+
+.poem h4
+{
+font-weight:normal;
+margin-left:5em;
+text-decoration:underline;
+}
+
+.poem .linenum
+{
+color:#777;
+font-size:90%;
+left:-2.5em;
+margin:0;
+position:absolute;
+text-align:center;
+text-indent:0;
+top:auto;
+width:1.75em;
+}
+
+.versenum
+{
+font-weight:bold;
+}
+
+/* right aligned page number in table of contents */
+.tocPagenum
+{
+position: absolute;
+right: 16%;
+top: auto;
+}
+
+.footnotes .line
+{
+font-size:80%;
+margin:0 5%;
+}
+
+.poem .i0
+{
+display:block;
+margin-left:2em;
+}
+
+.poem .i1
+{
+display:block;
+margin-left:3em;
+}
+
+.poem .i2
+{
+display:block;
+margin-left:4em;
+}
+
+.poem .i3
+{
+display:block;
+margin-left:5em;
+}
+
+.poem .i4
+{
+display:block;
+margin-left:6em;
+}
+
+.poem .i5
+{
+display:block;
+margin-left:7em;
+}
+
+.poem .i6
+{
+display:block;
+margin-left:8em;
+}
+
+.poem .i7
+{
+display:block;
+margin-left:9em;
+}
+
+.poem .i8
+{
+display:block;
+margin-left:10em;
+}
+
+.poem .i9
+{
+display:block;
+margin-left:11em;
+}
+
+span.corr
+{
+border-bottom:1px dotted red;
+}
+
+span.abbr
+{
+border-bottom:1px dotted gray;
+}
+
+span.measure
+{
+border-bottom:1px dotted green;
+}
+
+.letterspaced
+{
+letter-spacing:0.2em;
+}
+
+.smallcaps
+{
+font-variant:small-caps;
+}
+
+hr
+{
+clear:both;
+height:1px;
+margin-left:auto;
+margin-right:auto;
+margin-top:1em;
+text-align:center;
+width:45%;
+}
+
+h2.docImprint,h1.docTitle,h2.byline,h2.docTitle,.aligncenter,div.figure
+{
+text-align:center;
+}
+
+h1,h2
+{
+font-size:1.44em;
+line-height:1.5em;
+}
+
+h1.label,h2.label
+{
+font-size:1.2em;
+line-height:1.2em;
+margin-bottom:0;
+}
+
+h5,h6
+{
+font-size:1em;
+font-style:italic;
+line-height:1em;
+}
+
+p,p.initial
+{
+text-indent:0;
+}
+
+.poem .stanza
+{
+padding: .5em 0% .5em 0%;
+}
+
+p.quote,div.blockquote,div.argument
+{
+font-size:0.9em;
+line-height:1.2em;
+margin:1.58em 5%;
+}
+
+.pagenum a, a.noteref:hover, a.hidden:hover, a.hidden
+{
+text-decoration:none;
+}
+
+
+ul { list-style-type: disc; }
+ol { list-style-type: decimal; }
+ol.AL { list-style-type: lower-alpha; }
+ol.AU { list-style-type: upper-alpha; }
+ol.RU { list-style-type: upper-roman; }
+ol.RL { list-style-type: lower-roman; }
+.lsoff { list-style-type: none; }
+
+
+
+
+
+/* Supplement CSS stylesheet "style/arctic.css.xml
+" */
+
+
+
+body
+{
+background: #FFFFFF;
+font-family: "Times New Roman", Times, serif;
+}
+
+body, a.hidden
+{
+color: black;
+}
+
+h1, h2, h3, h4, h5, h6
+{
+color: #001FA4;
+font-family: Verdana, Arial, Helvetica, sans-serif;
+}
+
+p.byline
+{
+font-style: italic;
+margin-bottom: 2em;
+}
+
+.figureHead, .noteref, span.leftnote, p.legend, .versenum
+{
+color: #001FA4;
+}
+
+.rightnote, .pagenum, .linenum, .pagenum a
+{
+color: #AAAAAA;
+}
+
+a.hidden:hover, a.noteref:hover
+{
+color: red;
+}
+
+
+</style></head>
+<body>
+
+
+<pre>
+
+The Project Gutenberg EBook of De monumenten van den Girnar, by D. Menant
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: De monumenten van den Girnar
+ De Aarde en haar Volken, 1907
+
+Author: D. Menant
+
+Release Date: November 5, 2007 [EBook #23341]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE MONUMENTEN VAN DEN GIRNAR ***
+
+
+
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+
+
+
+
+</pre>
+
+
+<div class="body"><a id="d0e85"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e85">249</a>]</span><div class="div1">
+<h2 class="normal">De monumenten van den Girnar.<a id="d0e89src" href="#d0e89" class="noteref">1</a></h2>
+<p>Naar het Fransch van Mlle <span class="smallcaps">D. Menant</span>.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-249-1.jpg" alt="Hoofdstraat van het &#8220;kamp&#8221; te Wadhwan op marktdag." width="720" height="352"><p class="figureHead">Hoofdstraat van het &#8220;kamp&#8221; te Wadhwan op marktdag.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Ahmedabad is een stad in Voor-Indi&euml;, die ik meermalen heb mogen bezoeken. Het eerst kwam ik er in Februari 1901 op weg naar
+het schiereiland Kathiawar of Goedsjerat. Ik was toen van ziekte herstellende en het was mijn eerste uitgang na het verlaten
+van het hospitaal te Surate, waar een ongeluk met een rijtuig, dat mij te Baroda was overkomen, mij de geheele maand Januari
+had vastgehouden.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 266px"><img border="0" src="images/p1907-249-2.jpg" alt="Een &#8220;girasia&#8221; of grondbezitter uit Kathiawar." width="266" height="404"><p class="figureHead">Een &#8220;girasia&#8221; of grondbezitter uit Kathiawar.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Ik was naar Indi&euml; gegaan, om mijn studi&euml;n te voltooien over de Parsi-gemeenten in het Presidentschap Bombay, en mijn reis
+door Goedsjerat was er door afgebroken. Voordat ik die nu vervolgde, maakte ik van het verlof der geneesheeren gebruik, om
+de mooie tempels te gaan bewonderen op den Girnar en den A&ccedil;okasteen, interessante monumenten van Hindoes en Dsjain, de secte,
+wier leerstellingen zooveel op die van het Hindoe&iuml;sme lijken. Die tocht was een aangename afleiding na de sombere overpeinzingen,
+waaraan ik mij in mijn hospitaalkamer had overgegeven.
+
+</p>
+<p>Ahmedabad ligt 300 mijlen ten noorden van Bombay aan den spoorweg Bombay-Baroda en Centraal-Indi&euml;. Het is het kruispunt van
+de lijnen uit Rajpoetana, en de reizigers voor den Aboeberg, en voor Agra en Delhi veranderen er van trein.
+
+</p>
+<p>Wij kwamen in den vroegen morgen aan in het reusachtig station, vol met inlandsche arbeiders, die in de zalen heen en weer
+liepen en op het perron, waar ze den nacht hadden doorgebracht, ineengedoken onder hun dekens, luidruchtig wakker werden.
+
+
+</p>
+<p>Wij zouden in groote verlegenheid zijn geweest zonder de hulp van een vriend, den heer Ginwalla, die ons kwam zeggen, dat
+de <i>Travellers&#700; Quarters</i> bezet waren door de leden van de Hongersnoodcommissie en dat hij ons ten zijnent gastvrijheid aanbood, een uitnoodiging,
+die wij met de grootste dankbaarheid aanvaardden.
+
+</p>
+<p>Wij konden slechts over een enkelen dag beschikken, daar we den volgenden te Rajkot werden verwacht; dus was de tijd al spoedig
+gevuld. De stad, die in de 15de eeuw door sultan Ahmed is gesticht, bloeide <a id="d0e121"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e121">250</a>]</span>in de eerste eeuwen van haar bestaan en wordt door historieschrijvers en reizigers om het zeerst geprezen om haar citadel,
+haar moskee&euml;n, haar paleizen en tuinen, waar fonteinen sprongen, en haar breede straten, waar tien rijtuigen elkaar konden
+passeeren in een enkele rij.
+
+</p>
+<p>De heerschappij der Mahratten in de 17de en 18de eeuw heeft haar geen goed gedaan, en eerst onder engelschen invloed is Ahmedabad
+weer meer vooruitgegaan. Wij brachten het eerst een bezoek aan het fort, het grootste van geheel Indi&euml;, bijna als een stad
+op zich zelf. Aan den eenen kant worden de muren bespoeld door de rivier Sabarmati en aan den anderen strekt zich een wijde
+vlakte uit. Van de terrassen heeft men een prachtig uitzicht.
+
+</p>
+<p>De moskee Djam&eacute; Mesdjisj was in de hoofdstraat. De nauwe ingang werd nog versperd door bedelaars, en een rondtrekkend koopman
+had zijn pijpen uitgestald op de treden van de trap; maar als men, na zijn schoenen te hebben uitgetrokken, binnen is gegaan,
+komt men in een nieuwe wereld en verdwaalt bijna tusschen de massa hooge zuilen. Vol schroom doolden wij te midden van de
+oostersche pracht, waarvan de bijzonderheden niet te onderscheiden waren in het halfdonker, dat met een zacht, blauwachtig
+waas was doortrokken. De moskee neemt den westkant in van een groot plein en heeft haar vijf koepels behouden, maar de minarets,
+die in 1819 bij een aardbeving zijn verwoest, zijn, jammer genoeg, niet herbouwd.
+
+</p>
+<p>Wij zetten onze wandeling langs verlaten kloosters voort in de brandende middagzon, die op de steenen brandde, en waaraan
+we ons haastten te ontkomen door een poort, leidend naar het praalgraf van Ahmed. Het was een massief gebouw met een koepel,
+verlicht door vensters met prachtige opengewerkte kozijnen, zooals we ook elders in Goedsjerat zagen en voor welk werk de
+kunstenaars uit die streek beroemd waren. Op het graf worden op sommige gedenkdagen door Hindoes en Mohammedanen, getrouw
+aan de nagedachtenis van hun roemrijken vorst, bloemen gebracht, en op den dag van ons bezoek lagen er verwelkte rozen op
+het marmer. Naast den souverein slapen zijn zoons en kleinzoons, en iets verder zijn vrouwen. Door een kloostergang, een soort
+van gaanderij met wanden van opengewerkt marmer komt men bij de graven van de beide vrouwen Moghala&iuml; Bibi in een sarcofaag
+van wit marmer, en de andere, Moerki Bibi in een prachtgraf van zwart marmer, met parelmoer ingelegd. Daar dicht bij hadden
+andere, minder begunstigde echtgenooten eenvoudiger rustplaatsen. Het was een bekoorlijk plekje vol licht en glans, waar de
+gedachte aan dood en sterven aan niets sombers verbonden was, zoo geheel anders dan bij de lijkentorens van de Parsi&#700;s en
+de brandstapels der Hindoes.
+
+</p>
+<p>Tegen den avond gingen we een bezoek afleggen bij den <span lang="en">commissioner general</span>, den heer Lely en Mevrouw Lely. Wij vernamen, dat Mevrouw reeds vertrokken was naar de Parsifamilie, waar ook wij genoodigd
+waren tot het bijwonen van het huwelijk van den zoon, en onze gastheer geleidde ons toen naar de Kankariya, het kunstmatige
+meer op drie mijlen afstands van Ahmedabad. Alleen onmiddellijk aan het meer vindt men eenigen plantengroei, waar troepen
+apen ons nieuwsgierig, maar zonder wantrouwen, aangluurden.
+
+</p>
+<p>De Kankariya is een der grootste waterr&eacute;servoirs in Indi&euml;; het beslaat meer dan 62 acres en is veelhoekig, met 34 zijden,
+elk van 190 voet. Het werd in 1451 voltooid en is door steenen trappen omgeven met koepels op verscheiden kanten en een sluis.
+In het midden is een eilandje, aan den wal verbonden door een brug van 48 bogen, en met een zomerpaleis en tuin voor den onderkoning
+van Ahmedabad. De reizigers spreken met bewondering over de Kankariya, en reeds voor Pietro della Valle was dit het schoonste
+plekje ter wereld. Maar op het eind der 18de eeuw lag alles, paleis, waterleiding, sluis, in puin, en eerst in 1872 heeft
+de regeering zich de zaak der restauratie aangetrokken. Aan de oevers werd bosch aangeplant, en het meer werd uitgediept.
+Men kan er nu rondwandelen, maar de omgeving is nog allermelancholiekst. Men zou er kunnen schreien, en ten overvloede liet
+zich een klagende muziek hooren, terwijl ik er vertoefde.
+
+</p>
+<p>Toen ik bij ons rijtuig terug keerde, waren mijn moeder en de vrienden aan het luisteren naar de garba&#700;s of balladen van een
+ouden muzikant. Dat was de oorzaak van mijn ontroering. Op den terugweg lieten wij rechts liggen de armenische en hollandsche
+graven, die we voor een later bezoek bewaren, en het was avond toen we thuis kwamen. De mist was dik, die ijzige mist van
+Ahmedabad, die zoo eigenaardig onaangenaam ruikt naar roet. Niet lang daarna traden wij een dier groote tenten binnen, die
+in Indi&euml; sjamiana heeten; ze was schitterend verlicht, en er was een elegante menigte bijeen, want er werd het huwelijk gevierd
+van een jongen Parsi.
+
+</p>
+<p>In het midden van een tuin, waar een onmetelijk velum over was uitgespreid, werden op een estrade, half verborgen achter een
+gordijn van bloemen, vooral rozen en jasmijn, de kerkelijke plechtigheden <span id="d0e140" class="corr" title="Bron: voltrekken">voltrokken</span> door de mobeds of priesters. Ze zongen psalmen en ter afwisseling lieten zich inlandsche en europeesche orkesten hooren.
+Het was een mooi gezicht. De heer en mevrouw Lely waren in gezelschap van den luitenant-gouverneur der Noordwestelijke provinci&euml;n,
+Sir Antony Mac Donnell. Er werd te Ahmedabad vol lof gesproken over de wijze, waarop die hooge ambtenaar zich kweet van zijn
+taak, de enqu&ecirc;tecommissie voor den hongersnood te presideeren. Den volgenden morgen al vroeg namen wij afscheid van onze vriendelijke
+gastheeren en vertrokken naar Kathiawar.
+
+</p>
+<p>Dat is een vierkant schiereiland, dat in de Arabische Zee uitsteekt tusschen Katsj en de kust van Goedsjerat, en zoo genoemd
+is naar den stam der Kathi&#700;s, die er als kolonisten kwamen tusschen de 13de en de 15de eeuw. De Mahratten pasten den naam
+op het geheele schiereiland toe, en in navolging van hen doen de Europeanen dat ook.
+
+</p>
+<p>Hoe afgelegen het ook is, toch heeft het schiereiland gedeeld in de lotgevallen van Indi&euml;. In overoude tijden stond het onder
+de heerschappij van Asoka en zijn opvolgers en werd door vice-gouverneurs bestuurd tot op den tijd, dat de gouverneurs <a id="d0e147"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e147">251</a>]</span>zich onafhankelijk maakten. Van dien tijd af ontmoet men er zuiver hindoesche dynastie&euml;n; daarna kwamen de Mohammedanen, dan
+de invallen der Mahratten en eindelijk de suzereiniteit van Engeland, waarmee een nieuwe periode van orde en vooruitgang wordt
+geopend.
+
+</p>
+<p>Wat landschappelijk schoon betreft, is Kathiawar zeer ongelijk; in het Westen en het Oosten vindt men er zandwoestijnen, met
+cactussen bedekt, waarop de bosschen van den Gir volgen, vol van klare beekjes en groene velden. In het Noorden heeft men
+de verlaten oorden van den Ran, dan naar den kant van het Zuidwesten het lachende land met zijn tuinen en goed bebouwde velden
+en eindelijk meer binnenwaarts in Sorath het massieve granietgebergte, de Girnar, welks toppen majestueus boven den staat
+Junagadh oprijzen. Wij begeven ons daarheen.
+
+</p>
+<p>Tusschen Ahmedabad en Wadhwan namen we de gevolgen der droogte waar en van den ellendigen hongersnood; overal zagen we kale
+velden en weiden met mager vee. Wat een armoedig gezicht, die magere, stoffige buffels, die niet van hetzelfde ras lijken
+als onze glanzige en vette dieren der hoeven in Bandora! Nergens heeft de hongersnood wreeder sporen achtergelaten dan in
+Kathiawar. In 1899/1900 waren de beide oogsten, die van den herfst en die van het voorjaar mislukt, op een enkele uitzondering
+na, die van Palitana, en God weet, hoeveel de arme drommels, gewend om van den eenen dag op den anderen te leven, hadden geleden,
+te meer daar er ook gebrek aan water bij kwam, waardoor een deel der kudden verloren was gegaan. De dorpshoofden konden niet
+helpen. Wel stond de regeering hun aanzienlijke sommen toe, waarmee in verscheiden staten in den dadelijk en nood werd voorzien;
+maar tijdens de hitte brak de cholera uit en deed de sterfte op onrustbarende wijze toenemen. Volgens de statistieken verloor
+het schiereiland in tien jaren meer dan een zevende zijner bevolking.
+
+</p>
+<p>Toen kwam de tweede hongersnood van 1900/1901. De moesson was slechts met veel moeite doorgekomen, en eerst in Juli was er
+regen gevallen, maar toen zoo hevig, dat hij in plaats van zachtkens in den grond te dringen, het gezaaide had vernield, terwijl
+de regen in het najaar totaal was weggebleven, en er tot overmaat van ramp een koortsepidemie uitbrak. Zulk een staat van
+zaken heeft intusschen niets abnormaals; de lijst der hongersnooden is lang in Kathiawar, vanaf dien van 1559, den eersten,
+waaraan de herinnering is bewaard gebleven.
+
+</p>
+<p>Te Wadhwan moesten we van trein veranderen voor Rajkot; reizigers, ossen, karren, bagage, alle krioelen in vreeselijke wanorde
+dooreen. Daar ontdekte ik het vriendelijke gezicht van Dr. Thakordass Kikhabhai Dalal. Nu behoefde ik mij niet meer om de
+dingen te bekommeren, want nu was alles geregeld en in orde.
+
+</p>
+<p>Ik ben tweemaal te Wadhwan geweest; de eerste maal slechts enkele uren; maar de indrukken van die bezoeken vat ik hier samen.
+Allereerst die van het zoogenaamde kamp, waar de engelsche dienst is georganiseerd. Er wordt daar een belangrijke markt gehouden,
+en men vindt er kantoren van de regeering, een hospitaal, een gevangenis en een mooien klokketoren. Ook dient gelet op de
+interessante school, waar de zoons van de kleine grondeigenaars worden opgevoed. Die bezitters of girasia&#700;s vormen een talrijke
+en weinig ontwikkelde klasse en zij is vaak overgeleverd aan inhalige en onwetende intendanten. In hun belang werd in 1881
+door kolonel Stace deze school gesticht, waar het onderwijs de leerlingen brengt tot het toelatingsexamen voor de universiteit
+van Bombay en waar veel tijd aan lichaamsoefeningen wordt besteed. De jongelui hebben er ieder een eigen kamer en worden door
+hun eigen bedienden bediend; ze mogen paarden houden, als ze willen. De school staat onder rechtstreeksch engelsch toezicht.
+De resultaten waren in het begin gering, want er kwamen haast geen leerlingen, en eerst op den duur leerden de ouders inzien,
+dat de stichters gelijk hadden en dat het veel waard was, in het land grondbezitters te krijgen die hun land tot zijn recht
+konden doen komen.
+
+</p>
+<p>Het ernstigste bezwaar leverde het vrouwelijke element der gezinnen op, dat er zich tegen verzette dat de jongens het ouderlijk
+huis zouden verlaten, om door Westerlingen te worden opgevoed. De tegenstand is van dien kant nu nog zoo sterk, dat ik girasia&#700;s
+ken, die liever hun land hebben willen verlaten, om hun zoons te kunnen opvoeden naar hun eigen smaak.
+
+</p>
+<p>Maar veel girasia&#700;s blijven niet wonen op hun goederen, maar bekleeden bestuursambten. Wij zullen weldra te Rajkot bemerken,
+dat die scholen deel uitmaken van een uitgebreid stelsel van onderwijs, dat alle standen omvat.
+
+</p>
+<p>De stad ligt drie mijlen van het engelsche &#8220;kamp&#8221;, en is omringd door versterkingen bij het paleis van het hoofd.
+
+</p>
+<p>De enkele oogenblikken, die ik met Dr. Thakordass doorbracht, werden prettig gevuld met het bespreken van onze reis door Kathiawar
+en met eer te doen aan een lunch van uitgelezen Hindoesche gerechten, dat ons in een wachtkamer werd voorgezet.
+
+</p>
+<p>Weer zaten we in den trein, nu niet meer aan de groote lijn, hetgeen we gauw genoeg bespeurden aan het langzame rijden. Het
+land zag er nog even verlaten uit. Hier en daar zagen beesten den trein met verbazing passeeren. Plotseling werd er tusschen
+Mull en Dholia gestopt; er was iets niet in orde met de machine en er moest een andere worden gehaald van het naburig station.
+De tijd verliep; de zon daalde langzaam achter den horizon met roode tinten de lucht en de vlakte overgietend; binnen enkele
+oogenblikken zal het donker wezen en reeds verschijnen de sterren. Zal men nu eindelijk weggaan? Ja, daar is de locomotief,
+en we rijden snel om den verloren tijd in te halen.... Toen ik te Rajkot uitstapte, waaide er een ijskoude wind. Het station
+was slecht verlicht, en bijna kon ik in de schemering de groep personen niet herkennen, bij wie ik was aanbevolen en die tot
+de notabele Parsi&#700;s uit de plaats behoorden. Ze begroetten ons met oostersche beleefdheid en verzochten, dat wij ons gedurende
+ons verblijf in Rajkot geheel als hun gasten zouden beschouwen. Geen middel om die uitnoodiging af te slaan! Dus moesten we
+bedanken <a id="d0e169"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e169">252</a>]</span>voor de gastvrijheid, die de heeren Kincaid en Seddon ons aanboden vanwege den Political-Agent, luitenant-kolonel W. F. Kennedy.
+
+
+</p>
+<p>Na in het halfduister gezocht te hebben naar onze bagage te midden van karren en afgespannen ossen, die lui bleven liggen,
+stapte ik eindelijk in een rijtuig met mijn moeder en mijn secretaris en daar reden we in den donkeren mist naar de Travellers&#700;
+Quarters. Een tusschen de boomen schitterend licht leidde ons naar een groot gebouw, waar de h&ocirc;telier, een Portugees uit Goa,
+ons een welverdiend diner voorzette, zooals hem was opgedragen door onze Parsi-vrienden.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-252.jpg" alt="Nieuwere tempel in Dudhrej."><p class="figureHead">Nieuwere tempel in Dudhrej.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Den daarop volgenden dag begaf ik mij te voet naar het Residentiegebouw, dat maar een paar minuten van het h&ocirc;tel was verwijderd,
+waardoor ik ook hier het &#8220;kamp&#8221; in oogenschouw kon nemen, dat het mooiste en grootste is van Kathiawar. Breede wegen tusschen
+prachtige boomen waren omzoomd door aardige villa&#700;s. Alle openbare diensten zijn goed gehuisvest, zoowel de post als de telegraaf,
+de douane en het politiecommissariaat. De inlandsche vorsten droegen ijverig bij in de kosten.
+
+</p>
+<p>Mijne eenzame wandeling was een genot. Het was zachter we&ecirc;r geworden, al bleef het koel en de zon scheen. Het klimaat van
+Rajkot moet gezond zijn voor de Europeanen.
+
+</p>
+<p>Na het ontbijt kwamen onze Parsi&#700;s ons voor een bezoek aan de stad afhalen. Rajkot aan de oevers van de Aji is omringd door
+versterkingen en door een weg met het engelsche gedeelte verbonden. Vergeleken bij andere plaatsen in Kathiawar, is het zindelijk
+en de steenen huizen zijn stevig genoeg, om een beleg te doorstaan. Gezien van af de Kaiser-i-Hind, de groote brug over de
+Aji, ziet het er schilderachtig uit. Toen wij er door gingen, staken de torens en muren af tegen een helderen hemel, en de
+rivier stroomde kalm over haar rotsachtige bedding; maar in den regentijd wordt het een bruisend water, dat tegen de stadsmuren
+slaat. De brug heeft dan ook niet minder dan 16 bogen.
+
+</p>
+<p>Aan de oude, slechte gebruiken van de Rajpoeten, o. a. aan den kindermoord op kinderen van het vrouwelijk geslacht, heeft
+het engelsch bestuur het eerst in Rajkot een eind gemaakt. Toen Dr. Wilson er in 1835 kwam, was het plaatselijk hoofd juist
+de moordenaar van zijn dochter geweest. Sir J. P. Willoughby deed de oude reglementen van kolonel Walker uit 1807 herleven
+en had zich aan de spits gesteld van een humanitaire beweging, waardoor hij de hoofden van de Jadeja&#700;s had overgehaald, zich
+schriftelijk te verbinden, die gewoonte niet meer te volgen, er geen vergunning voor te geven en straf op te leggen aan diegenen,
+die het bevel overtraden. Die maatregel heeft de gewoonte in het geheele schiereiland uitgeroeid.
+
+</p>
+<p>De Parsi&#700;s zijn niet talrijk in Kathiawar, zoo ongeveer een duizendtal zijn er; zij zijn niet de afstammelingen van de eerste
+groep emigranten, die in de 7de eeuw uit Perzi&euml; uitweken en vijftien jaren lang gevestigd waren te Diu, voordat ze aan de
+westkust van Goedsjerat kwamen. Diegenen, die nu <a id="d0e188"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e188">253</a>]</span>te Diu wonen, kunnen zelfs niet op die afkomst bogen. Eerst op het eind der 18de eeuw kwamen Parsi&#700;s uit Surate zich voor
+zaken vestigen in Kathiawar. Een der eerste was Koyajee Cuverjee, een rijke koopman in parels en edelgesteenten, grootvader
+van den tegenwoordigen leider der gemeente; hij stierf jong, na veel te hebben gereisd; hij was in Engeland geweest met zijn
+zoon, die later gouverneur werd van de jonge prinsen te Baroda. Het tegenwoordige hoofd der gemeente, de heer Koyajee, een
+bekend advocaat, is diwan of eerste minister geweest in den staat Dhrangadra.
+
+</p>
+<p>De Parsi&#700;s zijn in de meeste gevallen winkeliers; maar soms hebben zij een betrekking bij de Agency, en enkelen van hen worden
+ministers in inboorlingenstaten. Te Rajkot hebben ze zich gevestigd, toen de Engelschen er hun &#8220;kamp&#8221; hebben gesticht. Zij
+bezitten er een agyari of vuurtempel, gebouwd in 1875 en die bediend wordt door drie priesters, verder een school en een h&ocirc;tel.
+Het was een groot genoegen voor ons, onder die beminnelijke menschen te vertoeven. Ik was uitgenoodigd, de plechtigheid der
+inwijding van een nieuwen toren des zwijgens bij te wonen; maar tot mijn grooten spijt hadden omstandigheden mij te Bombay
+doen blijven. De Toren van het Zwijgen is, naar men weet, het ronde gebouw, waarin de Parsi&#700;s hun dooden brengen op een platform,
+waar ze een prooi der gieren worden...
+
+</p>
+<p>Daar er geen dooden waren, mochten wij naderen en zelfs werd de deur voor ons geopend. De Parsi&#700;s maakten hier nog gebruik
+van het kerkhof sedert hun vestiging aan deze plaats, maar dat was voor hen een wreede noodzakelijkheid. Inderdaad heeft elke
+kolonie van Parsi&#700;s een tempel, waar het heilige vuur wordt onderhouden en een toren, waar de dooden worden neergelegd. Het
+bezoek aan het kerkhof wekte mijn levendige belangstelling, want het was het eerste, dat ik in Indi&euml; zag; enkele met koepels
+gekroonde gebouwen wezen de plaats van verscheiden graven aan.
+
+</p>
+<p>Na een gezellige lunch bij de heeren Kincaid en Seddon gingen we naar Rajkumar College, het mooiste gebouw uit het kamp, groot
+en met twee vleugels, ieder met twintig kamers voor de leerlingen, en de villa voor den directeur en den onderdirecteur.
+
+</p>
+<p>Alles was omringd door een muur van zes voet hoog. Achter de vleugels zijn de keukens, de stallen voor de paarden der leerlingen,
+de tuinen en de bijgebouwen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-253.jpg" alt="Graf van hunne Hoogheden Mohabat Khandji en Bahadoer Kandji." width="541" height="720"><p class="figureHead">Graf van hunne Hoogheden Mohabat Khandji en Bahadoer Kandji.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De engelsche vlag, teeken van Engelands suzereiniteit over de kleine staten van Kathiawar, staat op het centrale paviljoen.
+Feitelijk gelijkt de school zoowel op een kasteel als op een kazerne. Deze stichting beantwoordt aan een ernstige behoefte,
+zooals de geschiedenis leert.
+
+</p>
+<p>Omstreeks 1842 was de onwetendheid in Kathiawar nog ontzettend groot. Weinig hoofden konden schrijven; hun agenten en secretarissen
+kenden er juist zooveel van, om de zaken slecht te leiden. De regeering besloot toen, pandits of geletterden te beloonen voor
+onderwijs, dat zij aan het volk zouden geven. De zendelingen van hun kant openden enkele klassen <a id="d0e207"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e207">254</a>]</span>voor jongere en oudere leerlingen, en toen de belangstelling eenmaal gewekt was, werden de vorsten er toe gebracht, scholen
+te stichten, waar zoowel Engelsch als de landstalen werden onderwezen.
+
+</p>
+<p>Het kostte moeite, de vorsten over te halen, hun paleizen te verlaten en aan het openbare leven deel te nemen. Toen de eerste
+universiteiten werden geopend, sprak Lord Canning zijn hoop uit, dat de adel en de hoogere standen hun plicht zouden inzien,
+om hun kinderen hooger onderwijs te verstrekken. Maar de hoofden en de leiders hechtten in het geheel geen waarde aan het
+onderwijs; zij wenschten dat niet voor hun kroost en weigerden, de kinderen naar scholen te zenden in sociale besmetting.
+Dus werd het dringend noodig, eigen scholen op te richten voor de zoons van den adel. Kolonel Keatinge begon zich daarmee
+ernstig bezig te houden en beproefde de hoofden te overtuigen van het belang, dat in de zaak gelegen was, maar hem viel niet
+de eer te beurt der oprichting. Kolonel Anderson vatte de taak op en had succes.
+
+</p>
+<p>In 1670 werd het College gesticht door de hoofden in de provincie, onder de auspici&euml;n van de regeering. Charles Macnaghten
+was de eerste leider en bleef 26 jaar directeur der onderneming. De eerste leerling was Takore Sahib uit Bhaunagar, en de
+anderen volgden spoedig. Het was nog een veelbewogen tijd, en elken avond werd de wacht betrokken v&oacute;&oacute;r de vertrekken der prinsen.
+
+
+</p>
+<p>De ouders konden niet meer protesteeren, nu de leiding der zaak in hun handen was en de kinderen met huns gelijken samen waren.
+
+
+</p>
+<p>Op Rajkumar College worden inderdaad alleen toegelaten Patvi kumars, Fantaya kumars en Bhayats. De eerste zijn vermoedelijke
+erfgenamen, die altijd verwend worden door de ministers van hun vaders, omdat ze in hen de toekomstige heerschers zien, die
+gevleid moeten worden als uitdeelers van gunsten en gaven. De tweede, een jongere zoon, is minder in aanzien, want voor hem
+is slechts een saghir weggelegd, dat is het inkomen van bepaalde goederen, al heeft hij uit materi&euml;el oogpunt genoeg, om te
+studeeren en te reizen. De Bhayat behoort tot de zijlinies der familie en heeft een niet juist benijbare positie, en men kan
+gerust zeggen, dat het in Indi&euml; niet altijd een voordeel is, tot een vorstelijke familie te behooren.
+
+</p>
+<p>Dat waren en dat zijn nog de jongelieden, die door de edelmoedige mannen, onder wier leiding ze zijn gesteld, moeten worden
+opgevoed, verzacht en onder tucht gebracht, opdat ze zullen worden tot mannen, die geen geleerden zijn, maar energieke hoofden,
+verlicht en goed in staat, hun gebied te administreeren.
+
+</p>
+<p>Voor den jeugdigen prins is er een groot verschil tusschen het leven, dat hij thuis in het vaderlijk paleis leidde en dat,
+hetwelk hij leidt in het College, waar hij niet langer meester en gebieder is, maar moet gehoorzamen en een soldaat is onder
+velen.
+
+</p>
+<p>Reeds om zes uur in den morgen stijgt hij te paard, om aan de oefeningen deel te nemen en daarna volgen de lessen, die behalve
+Engelsch, de wiskunde, de algebra, aardrijkskunde, geschiedenis en de taal van Goedsjerat, het Goedsjeratti, omvatten. Onder
+de leeraren zijn evenveel Engelschen als inlanders. Tusschen de lessen worden ijverig spelen beoefend, tennis, cricket, voetbal
+en golf.
+
+</p>
+<p>De hall, waar de directeur, de heer Waddington, ons ontving, werd door groote vensters verlicht en aan de wanden hingen de
+portretten van indische vorsten naast die van koningin Victoria en de hertog en hertogin van Connaught. Wij bezochten de klassen,
+waar op dat oogenblik geen leerlingen in waren, maar op de zwarte borden stonden nog de sporen van het pas gedane werk. Op
+ons verzoek liet de directeur den jongen nabab van Sachin roepen, en wij konden hem de groeten brengen van zijn broers, die
+we onlangs te Surate hadden gesproken.
+
+</p>
+<p>Het schoolr&eacute;gime heeft den jongeling goed gedaan; met zijn laarzen en sporen, de karwats in de hand, zag hij er onberispelijk
+uit, een sierlijk ruiter!
+
+</p>
+<p>Den 6den November 1900 had Lord Curzon in de zaal, waar wij ons bevonden, de prijsuitdeeling bijgewoond. Het was de eerste
+maal, dat een onderkoning aan die plechtigheid deelnam. Het bleek een schitterende bijeenkomst; de jonge prinsen, alle in
+hun officieel costuum, leverden een kleurig schouwspel op. Lord Curzon sprak zeer goed over de noodzakelijkheid voor de vorsten,
+om ontwikkeling te erlangen, niet om jonge Engelschen te worden, maar om goede indische vorsten te zijn voor indische onderdanen.
+
+
+</p>
+<p>&#8220;De hoofden&#8221;, sprak hij, &#8220;zijn niet, zooals men het graag voorstelt, een bevoorrechte klasse. God heeft hun het land niet
+ten geschenke gegeven; de staat is niet hun eigendom en de inkomsten komen hun niet persoonlijk toe. Zij moeten leven voor
+het welzijn van hun onderdanen; de onderdanen zijn er niet voor hen.&#8221;
+
+</p>
+<p>Schoone woorden en moedige woorden in een gezelschap, dat gewend is geweest, altijd den staat te beschouwen als het eigendom
+van den vorst.
+
+</p>
+<p>De heer Waddington noodigde ons uit, de thee te gebruiken in gezelschap van een hoog personnage, dat ook juist de school bezocht
+te Rajkot, namelijk den nabab van Sikkim, en daarna naar het poloveld te gaan, waar de leerlingen aan het spelen waren.
+
+</p>
+<p>Helaas, onze rouw belet ons, aan het schitterend onthaal deel te nemen, en wij gaan met ons rijtuig staan onder de boomen
+van de laan, van waar we de spelen wel kunnen zien.
+
+</p>
+<p>Daar komen de jonge prinsen aan! Wat zien ze er knap uit! De grootsten zijn volmaakte ruiters; de jongsten kijken onbetaalbaar
+ernstig onder hun gestreepte tulbanden en worden braaf geschud door hun edele paarden van kathiawaarsch ras, maar blijven
+vast in den zadel.
+
+</p>
+<p>Het sein wordt gegeven, en het spel begint. De directeur zelf nam er met groote ambitie aan deel, en hij is niet de minst
+handige, noch de minst vurige.
+
+</p>
+<p>In Rajkumar College krijgt men inderdaad een goeden indruk van het succes der engelsche methode in zake opvoeding aan vorstenzonen,
+zooals men ook in Kathiawar het best de resultaten kan waarnemen van de wijze van bestuur en de vreedzame inlijving der inboorlingenstaten.
+Dat komt, dat hier het veld van waarneming betrekkelijk klein is, en de bevolking nog al homogeen.
+
+</p>
+<p>Ieder onpartijdig reiziger zal toegeven, dat de veiligheid <a id="d0e245"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e245">255</a>]</span>nu niets te wenschen overlaat, en dat de staten beter worden bestuurd en het volk er gelukkiger is.
+
+</p>
+<p>Wat de vorsten aangaat, onder invloed van de in het College verkregen opvoeding, zijn ze belangstelling gaan gevoelen voor
+de stichting van nuttige instellingen in hun landen, voor den bouw van scholen en de verfraaiing van hun hoofdsteden, zonder
+dat daarom het godsdienstige leven of de sociale instellingen zijn veranderd. En ik moest denken aan de mannen, die aldus
+zich wijdden aan de opvoeding van het volk in een achterland van Goedsjerat en hen vergelijken met Johnston, Mountstuart Elphinstone
+en andere Engelschen uit die school. Van den laatste is bekend, dat hij eens zeide, dat als ooit deze volken zich van Engeland
+vrij maakten, het dan nog beter was, dat Engeland als buren een ontwikkeld volk had dan een barbaarsch. Dat alles overdacht
+ik, terwijl ik met mijn moeder en mijn secretaris naar de spelen keek...
+
+</p>
+<p>Het spel is afgeloopen; de prinsen vormen weer een rij en defileeren in galop door de laan, mij beleefde groeten toezendend.
+
+
+</p>
+<p>De nabab van Sikkim ging met de anderen weg; hij werd gevolgd door zijn gezelschap, en wij brachten verder den dag door bij
+onze Parsi-vrienden.
+
+</p>
+<p>Met hoeveel genoegen we ook te Rajkot waren, we moesten denken over onze verdere reis naar Junagadh. Onze goede vrienden,
+de Parsi&#700;s stelden zich niet tevreden met ons naar het station te vergezellen; zij stegen mee in den waggon en brachten ons
+tot het volgend station. Ik heb aan hun ontvangst de aangenaamste herinnering en wij gingen weg met veel kostbare geschenken
+en heerlijke, welriekende rozen, die even goed in ons oude Frankrijk hadden kunnen bloeien als in Ispahan; maar Rajkot is
+niet het land der rozen, en in Kathiawar zijn de Gloire de Dijon en de Mar&eacute;chal Niel zeldzaamheden. De liefhebber, die ze
+heeft gekweekt, deed te mijner eer een groote opoffering, die ik zeer op prijs stel.
+
+</p>
+<p>Wij reisden nu snel naar het Zuiden. Het was een rustig landschap, en het zacht golvend terrein was zeer vruchtbaar. Wij zijn
+op het gebied van Gondal, een staatje van den tweeden rang, van 150.000 inwoners. Er wordt koren verbouwd en katoen. De vorst,
+die Thakore heet, is tegelijk schatplichtig aan Engeland, aan Rajkot en aan <span id="d0e257" class="corr" title="Bron: Junagabh">Junagadh</span>. De stichter van het vorstengeslacht, de tweede kleinzoon van Vibhaji van Rajkot, had twintig dorpen ge&euml;rfd, waarbij het
+gouvernement van Ahmedabad ter belooning van bewezen diensten nog later Gondal voegde, dat tot hoofdstad werd verheven in
+de 17<sup>de</sup> eeuw. Zijn opvolgers vergrootten het gebied nog. De Thakore Bagvat Sjingji, een schitterend leerling van Rajkumar College,
+heeft te Edinburg zijn medische studi&euml;n voltooid en schreef een werk over de geneeskunde in Indi&euml; en een reisverhaal van zijn
+bezoek aan Europa.
+
+</p>
+<p>Zijn hoofdstad aan den oever van de rivier Gonduli heeft mooie gebouwen, moderne huizen, een hospitaal en een school voor
+adellijken. Bij onze nadering beschreef de trein, die den vorst na een afwezigheid van eenigen tijd in zijn staten terugvoerde,
+een bocht, om hem voor de deur van zijn paleis af te zetten, en de rookwolk van de locomotief drong tusschen de boomen van
+het vorstelijk park. De minister van Gondal, de heer Damri, de heer J. N. Unwalla en een perzisch reiziger wachtten ons op
+het perron. Onze gastheer uit Bombay, de heer Malabari, heeft de goede gedachte gehad, ons overal in Kathiawar zulke verrassingen
+te bereiden.
+
+</p>
+<p>De minister noodigde ons uit, den dag bij hem door te brengen; maar wij hadden geen tijd om in deze stad te blijven, die de
+hoofdstad moet zijn van wat een modelstaat wordt genoemd. Wij konden alleen een praatje houden over gemeenschappelijke bekenden,
+o. a. over den opvolger van mijn vader aan de academie van de opschriften, den heer S&eacute;nart.
+
+</p>
+<p>Na Gondal werd het terrein bergachtiger. De warme, weldadige zon gaf mij nieuwe krachten en ik gevoelde, dat ik genoegzaam
+hersteld was voor den tocht naar den Girnar. Het was in die mooie Februaridagen een heerlijke reis. Rust en kalmte heerschten
+hier in deze streken, alleen aan de stations afgebroken door enkele luidruchtige inboorlingen, die op transport van hun bagage
+toezien of voor hun koopwaar zorgen.
+
+</p>
+<p>Eindelijk zijn wij te Junagadh; de schoonzoon van den minister, de heer K. Ch. Dhru, is ons tegemoet gereisd en brengt ons
+in den landauer van den Nabab Sahib naar een villa, even buiten de stad gelegen tegenover den Girnar. Wij hoorden, dat de
+offici&euml;ele wereld naar een naburigen staat was gegaan, om het huwelijk van den vorst bij te wonen.
+
+</p>
+<p>Wij zullen dus kunnen uitrusten. Lal Bagh is een der geriefelijkste woningen, die we in Indi&euml; hebben gehad, althans in de
+provincie, en het is, of ik er mijn kamer uit Bandora terugvind. Het huis werd gebouwd door den Parsi Sir Ph. Mehta, in den
+tijd van zijn verblijf in Junagadh; het was elegant gemeubeld en ik zal nooit vergeten met hoeveel attenties het dienstpersoneel
+mij omringde.
+
+</p>
+<p>Vanaf het terras had men een prachtig uitzicht op het bergland van den Girnar. Een lichtende wolk scheen om de vijf toppen
+te hangen en ze samen tot een volmaakten kegel te maken. Het is een heilige berg, vroeger woonplaats der goden, en sinds onheugelijke
+tijden trekken de pelgrims er heen. In de rotsflanken hebben kluizenaars zich cellen ter bewoning gekozen; op de bloeiende
+hellingen hebben de geloovigen tempels gebouwd voor hun beschermgoden, en op de toppen kan men de voetstappen vinden van de
+gelukkige stervelingen, die op het punt waren, de zaligheid van het Nirwana deelachtig te worden.
+
+</p>
+<p>Men kan de stad Junagadh niet bezoeken, zonder een blik te slaan op haar verleden. De vorsten uit de tegenwoordige regeerende
+dynastie der afghaansche Babi&#700;s hebben tallooze voorgangers gehad; maar men moet tot de rajpoetische dynastie opklimmen van
+de Chudasama&#700;s, om den oorsprong te vinden van de vele sagen en verhalen, die in omloop zijn. In de 15de eeuw verscheen de
+geduchte vijand voor de vorsten van Goedsjerat en Sorath, de Islam. Ra Mandik III was de laatste Hindoevorst, die in dien
+tijd over Junagadh regeerde. Het heet, dat de vorst de vrouw van zijn minister verleidde en dat deze, <a id="d0e277"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e277">256</a>]</span>om wraak te nemen, zijn vorst verried aan Mahmoed, sultan van Ahmedabad. De overwonnene werd gedwongen, den Islam aan te nemen
+en verkreeg onder den naam Khan Djehan een roep van heiligheid.
+
+</p>
+<p>Mahmoed vond veel behagen in de mooie provincie Sorath, vestigde er zich en veranderde zelfs den naam van Junagadh in dien
+van Moestafabad. Hij legde de versterkingen aan van de stad en bouwde de moskee bij het fort. Zijn edelen volgden hem; hij
+gaf hun ambten en gunstbewijzen en bracht den Islam er tot bloei. Sedert de bezetting door Mahmoed werd Junagadh bestuurd
+door een uit Ahmedabad gezonden ambtenaar, en de sultan stond aan den zoon van den onttroonden koning een eeretitel toe en
+land te Sil Bayarda aan het strand der zee.
+
+</p>
+<p>Het geslacht der Chudasama&#700;s heeft zijn invloed nog behouden in het land en in de regeerende familie hecht men nog waarde
+aan de verwantschap met de afstammelingen der oude koningen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-256.jpg" alt="Moderne tempel voor Swami Narayen, godsdiensthervormer in Goedsjerat." width="720" height="388"><p class="figureHead">Moderne tempel voor Swami Narayen, godsdiensthervormer in Goedsjerat.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De laatste der Foedjaren of gouverneurs, Sehr khan Babi, maakte in de 18de eeuw gebruik van het verval van het Rijk, om den
+titel van Nabab van Junagadh aan te nemen. Daar hij een bekwaam en moedig man was, hief hij een schatting van alle vorsten
+van Kathiawar, een heffing, die nu nog voortduurt en die door tusschenkomst der Engelschen wordt geheven sinds 1821.
+
+</p>
+<p>De geschiedenis van het vorstengeslacht der Babi&#700;s levert een merkwaardig voorbeeld van de intriges aan de kleine inlandsche
+hoven, intriges van vrouwen dikwijls. In het begin der 19de eeuw verschijnen de Engelschen ten tooneele en slagen er langzamerhand
+in de Mohammedanen te vervangen, en van de helft dier eeuw dagteekent de bloeitijd van den staat. Bahadoer Khandji, broeder
+en voorganger van Z. H. Rasoel Khandji, die thans regeert, ontving van den onderkoning van Indi&euml; een vlag met de wapens van
+Junagadh en verscheen met staatsie op den durbar te Delhi.
+
+</p>
+<p>De Nabab Sahib heeft te Rajkumar College zijn opvoeding gekregen; hij is zeer vroom en zeer liefdadig. Te Rajkot hebben wij
+het hospitaal gezien, dat hij had laten bouwen; in zijn staten heeft men hem voor veel andere nuttige instellingen te danken.
+Groote sommen heeft hij besteed voor een betere waterverdeeling en hij heeft den spoorweg van Junagadh naar de haven Veraval
+laten aanleggen, alsook dien van Junagadh naar Rajkot.
+
+</p>
+<p>Evenals de vorsten van zijn familie is ook de vermoedelijke troonopvolger te Rajkumar College opgevoed. Hij, Z. H. Cherzeme
+Khandji, is in 1889 getrouwd. Hij was het, die bij het bezoek van den onderkoning het woord nam, om den hoogen bezoeker te
+antwoorden, en hij heeft het met groote waardigheid gedaan.
+
+</p>
+<p>Men moet niet denken, dat het bestuur der inlandsche staten aan het toeval wordt overgelaten; in het residentschap Bombay
+heeft elke staat, klein of groot, afzonderlijke diensten voor de uitvoerende macht, de financi&euml;n, de justitie, openbare werken,
+kadaster, geneeskundigen dienst, douane, politie enz.
+
+</p>
+<p>De uitvoerende macht berust bij den vorst, die haar overdraagt aan zijn eersten minister of diwan, wiens plichten zeer verscheiden
+zijn. Hij heeft alle ambtenaren onder zijn bevelen, moet toezicht houden op de rechtspraak, het onderwijs regelen, toezien
+op de bescherming der arbeidende klassen, zorgen voor het onderhoud der wegen, de irrigatiewerken en zoo meer. Hij mag dus
+wel een practisch man zijn.
+
+</p>
+<p>De vorst is vrij in de keuze van zijn eersten minister, maar de keuze moet worden goedgekeurd door de plaatselijke regeering.
+Oudtijds was de betrekking erfelijk.
+
+<a id="d0e302"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e302">257</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-257.jpg" alt="Tooneelen uit Krishna&#700;s leven in den koepel van den Swami-Narayentempel." width="720" height="536"><p class="figureHead">Tooneelen uit Krishna&#700;s leven in den koepel van den Swami-Narayentempel.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Sedert bijna een halve eeuw zijn de regeeringsaangelegenheden in Junagadh in handen geweest van bekwame mannen. De eerste
+staatsman ten tijde van ons bezoek was de vizier Sjeik Mohammed Bahauddin Hasambhai, aan de regeerende familie vermaagschapt
+door het huwelijk van zijn zuster Laddi Bibi met wijlen Mahabat Khandji. Zeer jong in staatsdienst getreden, was de vizier
+eerst commandant van de lijfwacht of Lal Risalda. Hij is vooral zijn hooge positie verschuldigd aan den steun, dien hij aan
+den Nabab verleende in den strijd tegen de koningin-moeder, een heerschzuchtige vrouw, die haar zoon buiten de zaken wilde
+houden.
+
+</p>
+<p>Daar hij in financi&euml;ele aangelegenheden uiterst bekwaam was, bestuurde de vizier de bezittingen van den staat met groote bekwaamheid,
+en daarbij gaf hij blijk van zeldzame energie in de onderdrukking van de rooverijen. In 1882 maakte hij zich meester van den
+hoofdman Janji Makrani, den schrik van den omtrek, en het volgend jaar van den bandiet Jasla, die voor de monding van een
+kanon werd gebonden, waardoor de rust van het land verzekerd was. Eindelijk roeide hij in 1889 de laatste rooverbenden uit,
+en sinds dien heerschte veiligheid in het land.
+
+</p>
+<p>De vizier hield zich veel bezig met het onderwijs, dat hij aanmoedigde door beurzen en door de oprichting van scholen. De
+armen hebben aan hem slaaphuizen te danken en de pelgrims een weg naar Dattar. Als wijs en gematigd man weet hij de goede
+verstandhouding te bewaren tusschen hindoesche en mohammedaansche gemeenten.
+
+</p>
+<p>Sir Charles Ollivant verklaarde in 1892, dat aan den vizier en den diwan Haridas de welvaart van den staat Junagadh te danken
+was. Die laatste trouwe medewerker van den mohammedaanschen vizier behoorde tot een familie van Ksjatria&#700;s uit Pendsjab. Zijn
+voorvaderen hadden geschitterd aan de hoven van de Groot Mogols; zij bewezen diensten aan de Mahratten, eindelijk aan de Engelschen,
+wien de vader van den heer Haridas Viharidas getrouw bleef in het vreeselijke jaar van den opstand.
+
+</p>
+<p>De heer Haridas Viharidas, die in het midden der vorige eeuw geboren was, had in zijn provincie Madras studi&euml;n gemaakt over
+de cultuur van tabak. Daarna trad hij in staatsdienst en werd in verscheiden inboorlingenstaten benoemd, tot hij in 1883 in
+Junagadh minister werd, welke betrekking hij twaalf jaar bekleedde. Op zijn initiatief werd de stad verfraaid. Hij stierf
+in 1895 en werd vervangen door zijn broeder, den heer Behechardas Viharidas, oud-lid van den wetgevenden Raad te Bombay. Deze
+ondernam groote irrigatiewerken.
+<a id="d0e318"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e318">258</a>]</span></p>
+<p>Ik wil hier terloops opmerken, dat geen van die verdienstelijke ambtenaren in Engeland is geweest. Die dure en vaak zoo weinig
+nuttige reis is dus voor jonge lieden niet noodig ter voorbereiding van een rol van beteekenis in Indi&euml;.
+
+</p>
+<p>Ofschoon de stad Junagadh in de vlakte ligt, ziet zij er ondanks de moderne gebouwen en de rechte straten schilderachtig uit.
+Als men de oogen opslaat, ziet men de kanteelen van het fort en de toppen van den Girnar, die een indrukwekkenden achtergrond
+vormen en belangwekkende historische herinneringen oproepen.
+
+</p>
+<p>Tijdens ons verblijf werd er over niets anders gesproken dan over het verblijf van Lord Curzon, dat een waar succes was geweest.
+Er was veel troepenvertoon geweest; er waren eerebogen opgericht en een optocht van olifanten, geleid door ruiters op rhinocerossen.
+Des avonds had een prachtige illuminatie de bevolking verheugd. Wat Lord Curzon vooral genoegen deed, was het zien van de
+velden, die het einde van den hongersnood aankondigden en daarmee tevens den terugkeer van overvloed, want vele streken zijn
+zoo vruchtbaar, dat men er driemaal in het jaar kan oogsten.
+
+</p>
+<p>De oorsprong van Junagadh verliest zich in den nacht der tijden. Met de Chudasama&#700;s als heeren van het land, komt men bij
+de historische tijden; zij brachten een beschaving, waarvan de kunst nog sporen heeft nagelaten op de rotsen van den Girnar.
+
+
+</p>
+<p>In de 16de eeuw na hun val vernemen wij, dat Sorath in den tijd van Akbar in negen afdeelingen was verdeeld, elk door een
+anderen stam bewoond. De eerste, het nieuwe Sorath, was lang onbekend gebleven door de vele bosschen en de ontoegankelijke
+bergen. Er was, zoo vertelt een geschiedschrijver, een fort, dat Junagadh of Uperkot heette en dat vroeger door sultan Mahmoed
+veroverd werd, die aan den voet van het fort Moestafabad de moderne stad oprichtte. De gewoonte, om haar enkel aan te duiden
+door het woord durg of gadh, dat is vesting, dateert al uit zeer vroege oudheid. Daaruit blijkt, dat dit het fort bij uitnemendheid
+was.
+
+</p>
+<p>In het begin der vorige eeuw, in 1822, bezocht kolonel Tod Junagadh, dat nog door wouden was ingesloten over een uitgestrektheid
+van verscheidene mijlen, wouden zoo dicht, dat men er alleen in kon binnendringen door de lanen, uitgespaard, om met de naburige
+plaatsen gemeenschap te onderhouden.
+
+</p>
+<p>De bevolking bestond uit dezelfde bestanddeelen als tegenwoordig, Brahmanen, Mohammedanen, landbouwers als Ahirs, Koli&#700;s enz.
+en Rajpoeten. Er waren niet meer dan een paar duizend inwoners, en nu zijn er niet minder dan dertig duizend. Wat den vorst
+aangaat, hij had geringe inkomsten en weinig eerzucht.
+
+</p>
+<p>De groote monumenten, moskee&euml;n, paleizen en graven zijn modern.
+
+</p>
+<p>De stad heeft de muren behouden, waarmee Mahmoed haar begiftigd had en daarbinnen ontwikkelt zij zich nog. Rondom de citadel
+is een verlaten en onbebouwd gedeelte, waar men veel ru&iuml;nen vindt. Het strekt zich uit tot aan den voet der muren; maar daarachter
+begint het vrije veld met mooie woningen, o. a. die van den vizier. De tuinen bij die villa&#700;s en de vruchten, die men er oogst,
+zijn vermaard.
+
+</p>
+<p>Het aanzien van de straten wijst op welvaart; de bazars zijn goed voorzien en leveren alle mogelijke producten der plaatselijke
+industrie. Het zou eigenlijk het aardigst wezen, naar Junagadh te gaan in den tijd der bedevaarten, die jaarlijks uit alle
+deelen van Indi&euml; er bijna honderd duizend geloovigen doen samenstroomen. De menigte kampeert vaak in de open lucht en bij
+den Girnar worden logeerhuizen voor de armen ingericht, waar de menschen ook kosteloos worden gevoed. De bedelaars van beroep,
+de sadhoes, schuilen waar ze maar kunnen, dikwijls tusschen de ru&iuml;nen. De bedevaarten hebben altijd plaats in den winter;
+dan is het klimaat zeer gezond, vooral in Januari en Februari; maar het wordt ongunstig in den warmen tijd, wanneer dan ook
+de bevolking naar de bergen trekt, en dat wel al van de maand Mei af.
+
+</p>
+<p>Aan den Girnar zijn in de buurt van de tempels h&ocirc;tels gebouwd, maar het schijnt dat het er niet gezond is. De weinige Europeanen,
+die hier wonen, gaan liever naar de zee, naar Veraval, dat vroeger een eenvoudige inschepingsplaats was voor de Mohammedanen,
+die zich naar Mekka begaven, en nu een stad is van meer dan 12.000 inwoners, met een spoorweg verbonden aan Junagadh en station
+voor de stoombooten, die geregeld dienst doen tusschen Bombay en Kathiawar.
+
+</p>
+<p>Het paleis van den Nabab ligt in de hoofdstraat van Junagadh; daar Z. H. afwezig was, konden wij er niet worden toegelaten,
+ik heb er alleen van kunnen zien den mooien gevel van stuc en de terrassen; maar ik weet, dat het inwendige weelderig is ingericht,
+misschien wel al te modern. Het is een ongelukkige neiging van de indische vorsten, dat ze onze europeesche producten stellen
+boven die van hun eigen industrie. Zoo is het mooie Lal Bagh een echt anglo-indisch huis; men waardeert wel het comfort, dat
+men er geniet, maar de inlandsche handwerkslieden hebben niet veel verdiend aan de meubileering.
+
+</p>
+<p>Ten noordwesten van de stad heeft het graf der eerste Nababs van Junagadh tot model gediend voor dat van de moeder van den
+Nabab Bahadoer Khandji, dat een uitstekend voorbeeld is van den localen bouwtrant. Het werd gebouwd door de vorstin, die de
+vervaardiging toevertrouwde aan een kunstenaar uit de streek. Deze had den goeden smaak zich te laten inspireeren door een
+oud kunstwerk; maar daar hij over groote ruimte kon beschikken, vergrootte hij zijn bouwwerk. Op een voetstuk van 38 voet
+in het vierkant staat een platform, waar twintig zuilen de veranda dragen, die het graf omringt. Die zuilen, rijk versierd,
+zijn achthoekig, met kleinere pilaren eromheen en de voetstukken zijn met het prachtigst beeldhouwwerk getooid. Al kan men
+misschien van eenige overlading spreken, het is toch veel aantrekkelijker, zoo naar oude tradities terug te keeren, dan te
+jagen naar nabootsing van vreemde architectuur, zooals uit zooveel indische gebouwen blijkt.
+
+</p>
+<p>Naast het graf van de moeder van den Nabab vindt men een rij graven van twaalf mohammedaansche heiligen, wier namen onbekend
+zijn; allen broeders, <a id="d0e347"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e347">259</a>]</span>naar het heet, en gesneuveld in hetzelfde gevecht.
+
+</p>
+<p>De architecten van de graven der laatste Nababs en van den vizier hebben op hun beurt het graf van de vorstin tot voorbeeld
+genomen. Men treft hier overal den strijd tusschen het artistiek gevoel, dat inlandsen werk verkiest, en de aanhangers van
+westersche motieven.
+
+</p>
+<p>Een mooi gebouw van moderne en westersche bestemming is het Bahauddin Arts College, gebouwd en bestemd om de herinnering aan
+den vizier levendig te houden. Het was kort v&oacute;&oacute;r ons bezoek ingewijd door Lord Curzon. &#8220;Waar&#8221;, zoo had de onderkoning gezegd,
+&#8220;vindt men een schitterender bewijs voor de veranderingen, die in Junagadh hebben plaats gehad, en voor zijn tegenwoordige
+welvaart, dan deze school, die de industrie&euml;n moet doen herleven, waar de indische kunstenaars hun roem aan te danken hebben?
+Het is opgetrokken bij de muren van een antiek fort in het hart van een staat, die eeuwen lang ten prooi was aan oorlog en
+plundering&#8221;.
+
+</p>
+<p>De reiziger wordt vooral getroffen door de groote hoeveelheid steenen, die noodig zijn geweest voor de oprichting van al die
+huizen van vele verdiepingen, die paleizen, bazars, alles zoo stevig en toch zoo decoratief. Men zou denken, dat steenen overvloedig
+zijn in Kathiawar, en dat is ook inderdaad zoo, want de menschen hebben de ru&iuml;nen eenvoudig als steengroeven gebruikt.
+
+</p>
+<p>In 1875 zag Burgess systematisch een gebouw afbreken, en hoeveel oostersche steden zijn niet opgetrokken met de resten van
+hun voorgangsters!
+
+</p>
+<p>Alle godsdiensten en alle rassen leven vriendschappelijk in Junagadh; Brahmanen, Mohammedanen en de talrijke secten, die zich
+alle tot de Hindoes rekenen. Onder die laatste is die van Swami Narayen in het bezit van een mooien tempel. Ik had dien van
+Surate gezien, en later zou ik dien van Ahmedabad nog te zien krijgen<span id="d0e359" class="corr" title="Bron: ">.</span>
+
+</p>
+<p>De secte van Swami Narayen telt een groot aantal aanhangers in Goedsjerat, waar ze zich vooral schijnt te hebben gevestigd;
+de stichter, een brahmaansch asceet uit Cudh, ging in 1800 ongeveer tot het Vischnoe&iuml;sme over en verliet zijn vaderland, om
+een eindelooze reeks van pelgrimstochten te gaan ondernemen. Hij stelde zich onder de bescherming van een goeroe of meester
+en woonde met hem te Ahmedabad en te Junagadh; daarna stichtte hij de nieuwe leer, gegrond op sommige leerstellingen van Krisjna.
+Dadelijk bij zijn komst in Goedsjerat was hij geschokt geworden door de praktijken van een visjnoe&iuml;tische secte uit de 16de
+eeuw, en daartegenover preekte hij een reiner leven en gaf een voorbeeld van matigheid en kuischheid. Narayen stierf in 1830.
+De gemeente is nog bloeiend en telt ongeveer 200.000 aanhangers, terwijl nog elk jaar nieuwe toetreden, want het is de regel,
+dat ieder lid zes nieuwelingen moet aanbrengen.
+
+</p>
+<p>Evenals in elke Hindoesecte zijn er twee afdeelingen, de gezinshoofden en de bedelaars; de laatste doen een gelofte van het
+celibaat, dragen het gele kleed der asceten en gaan twee aan twee uit om te preeken. Aan het eind van hun tourn&eacute;e worden ze
+opgenomen in kloosters, die bij de tempels behooren. Dat van Junagadh wordt onderhouden door de leden van het genootschap,
+dat vooral veel aanhangers wint onder de timmerlieden, de steenhouwers en de smeden.
+
+</p>
+<p>De Sardar Bagh, die buiten de muren der stad is gelegen, is een heerlijk doel voor een wandeling. Sardar khan, gouverneur
+van Sorath, liet het huis in 1681 bouwen en richtte er zijn graf op; maar hij stierf in Sind, waar zijn lijk is gebleven.
+De tuinen zijn met zeldzame boomen beplant en versierd met vijvers en paviljoens, waar de menschen de koelte gaan zoeken;
+maar de grootste aantrekkelijkheid van Sardar Bagh is de menagerie. Er is daar te zien de eenige soort van leeuwen, die nog
+in Indi&euml; bestaat en die in wezen blijft in de bosschen van den Gir, waar enkele paren zich vermenigvuldigen. De tijd is voorbij,
+toen de vorsten op de jacht naar groote roofdieren gingen.
+
+</p>
+<p>Dat bosch van den Gir is bijna honderd kilometer lang bij 32 breed, terwijl het grootste deel der oppervlakte in Junagadh
+ligt. Er liggen ook dorpen en gehuchten in. In den regentijd worden de dieren in de vette weiden gestuurd, die aan de waterloopen
+liggen.
+
+</p>
+<p>Hier moet ik nog eens gewagen van de rooverijen, die zoo lang Kathiawar berucht hebben gemaakt. De Gir diende tot toevlucht
+voor de stoutmoedigste Kathihoofden; als ze hun rooftochten hadden gedaan en hun veediefstallen en moorden volbracht, tartten
+ze daar de justitie en de weerwraak van huns gelijken. In het begin van de vorige eeuw verschool een Kathihoofdman, die in
+zijn erfrecht was gekrenkt, zich er met zijn bende. In 1820 maakte hij zich van kapitein Grant meester, een marineofficier
+in dienst van vorst van Baroda, en hield hem vier maanden gevangen. De ongelukkige kapitein heeft interessante aanteekeningen
+over zijn gevangenschap uitgegeven. Twee maanden lang werd hij nacht en dag blootgesteld aan alle we&ecirc;r in het slechte jaargetijde
+en steeds bewaakt door twee mannen met den degen in de vuist. De vrouwen in de dorpen kozen ten laatste zijn partij en verweten
+den vorst zijn wreedheid.
+
+</p>
+<p>Met geweld gedwongen door de roovers, om aan hun barbaarsche gebruiken deel te nemen, kon hij als ooggetuige verklaren, dat
+ze in de dorpen der vijanden hun komst aankondigden door de kinderen, die voor de huizen speelden, het hoofd af te snijden.
+De jonge Kathi&#700;s spraken over niets anders dan over de moorden, die ze reeds hadden begaan, terwijl de grijsaards en wijzen
+en notabelen nachtelijke samenkomsten hielden, waarin ze uitmaakten dat de mensch het dier is, dat het moeilijkst is te dooden,
+want dat men nooit zeker is van zijn dood, als niet het hoofd aan den eenen kant ligt en het lijf aan den anderen. Sombere
+vergaderingen in den tijd, dat de leeuwen buiten brulden en om de kampen slopen.
+
+</p>
+<p>Dikwijls ging Bawavala, dronken van opium, bij zijn gevangene zitten en vroeg hem, hoeveel slagen er, naar hij dacht, noodig
+zouden zijn, om hem te dooden. Dan antwoordde de ongelukkige, die geheel uitgeput was, nauwelijks verstaanbaar, dat een enkele
+slag wel voldoende zou wezen. Maar het monster wenschte niet den dood van zijn slachtoffer; hij <a id="d0e376"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e376">260</a>]</span>wilde enkel de uitlevering van zijn bezittingen als losgeld. Het was een afschuwelijk leven van die roovers, altijd de wacht
+houdend, slapend naast hun paarden met den teugel om den arm, gereed om in den zadel te springen bij de eerste beweging van
+het dier. Hun voornaamste bezigheid was het uitplunderen van rijke reizigers, die hun werden aangewezen.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 435px"><img border="0" src="images/p1907-260-1.jpg" alt="De nabab van Junagadh, Z. H. Rasoel Khandji." width="435" height="567"><p class="figureHead">De nabab van Junagadh, Z. H. Rasoel Khandji.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Kapitein Grant werd gered door tusschenkomst der Engelschen, die van den Nabab van Junagadh gedaan kregen de teruggave aan
+Bawavala van de goederen, die het andere Kathihoofd had geroofd; maar hij bleef zijn geheele leven ziek en verloor het geheugen.
+Om een denkbeeld te geven van de moderne zeden, diene, dat de vrouwen nog den lof zingen van Bawavala, den Robin Hood van
+Kathiawar. Wij zouden nog meer staaltjes van lateren tijd kunnen melden, maar wat met kapitein Grant is gebeurd, heeft min
+of meer een offici&euml;elen stempel, en men kan ons dan niet van overdrijving beschuldigen.
+
+</p>
+<p>Een heele litteratuur is verbonden aan de heldendaden van de bendehoofden. De heer C. A. Kincaid heeft onlangs een belangwekkenden
+bundel het licht doen zien van oudere en nieuwere balladen, die op hun heldenstukken betrekking hebben. Men kan er den geest
+uit leeren kennen, die al sinds onheugelijke tijden in het land heerschte onder de menschen, die geneigd waren de rechten
+van het individu te doen voorgaan boven die der gemeenschap en tegen het gezag, welk dat ook was. Ondanks zijn misdaden was
+de misdadiger sympathiek aan de massa. Naast hem treedt dan het paard op, door de nationale dichters niet minder goed behandeld
+dan zijn meester. Het is de blanke merrie met de vlokkige, wapperende manen, die met wijd geopende neusgaten de ruimte verslindt,
+in &eacute;&eacute;n sprong over de muren van dorpen springt en zoo snel en licht zich beweegt, dat de vogels zich niet met haar meten kunnen.
+
+
+</p>
+<p>Thans is de Gir gastvrijer geworden. Men kan er veilig zich bewegen, vooral als men vergezeld is door Engelsche ambtenaren.
+Sasan op den zuidelijken oever van de rivier Hiran is de residentie van den inspecteur van het boschwezen. Daar was ook het
+kamp van Lord Curzon gevestigd. Vroeger was die plaats zeer ongezond en had zelfs aan die ongezondheid zijn naam te danken,
+want Sasan wil in het Sanskriet zeggen &#8220;straf&#8221;, omdat men er de staatsgevangenen heen zond, opdat ze spoedig zouden sterven
+door de slechte hoedanigheid van het water ter plaatse.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 437px"><img border="0" src="images/p1907-260-2.jpg" alt="Hoofdstraat van Junagadh met den Girnar." width="437" height="604"><p class="figureHead">Hoofdstraat van Junagadh met den Girnar.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De leeuw, die oudtijds de glorie van Pendsjab en Hindostan was, is teruggedrongen naar deze boschrijke streek. Hij is niet
+de mindere van zijn soortgenoot uit Afrika, noch wat grootte betreft, noch wat den moed aangaat; de manen zijn zwart, bruin
+of geel, al naar gelang van den leeftijd. Hij zal zelden een mensch aanvallen; maar er worden gevallen vermeld, waarin hij
+een of meer slachtoffers heeft gemaakt. In de menagerie van Sardar Bagh worden de groote, welgeluchte kooien goed onderhouden,
+en de dieren zien er niet zoo ellendig uit als in Europa. Ze worden ook niet vaak door bezoekers lastig gevallen; en een knippen
+met de oogen of een gegrom is het eenige, dat de bewaker erlangt, als hij ze wil doen opstaan. Met die visite aan de leeuwen
+eindigde ons bezoek aan Junagadh.
+
+</p>
+<p>De ru&iuml;nen van den Uperkot of de citadel van Junagadh liggen links van den weg, die naar den Girnar <a id="d0e398"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e398">261</a>]</span> leidt; wij kozen het eind van een schoonen dag, om ze te bezoeken. Zij zijn begrepen in den stadsmuur en bevinden zich op
+een soort van platform van natuurlijken aard tusschen de stad en den berg; de muren, omringd door een diepe gracht, zijn bijna
+zeventig voet hoog. Men komt er binnen door twee poorten; volgens oude kronieken waren er drie en 84 torens. Het grootste
+deel van het terrein is al lang ingenomen door de jungle, maar men is onlangs begonnen met de ontgraving, en nu is de citadel
+in het geheel niet meer in den deplorabelen toestand, dien Tod in 1822 beschrijft. Door een gunstbewijs, dat nog door geen
+enkel Europeaan was verkregen, had de moedige reiziger kunnen binnendringen. Hoewel het geen oorlog was, hield men er goed
+de wacht en de poorten werden slechts ten halve geopend voor den reiziger. Overal zag hij verval en verlatenheid. Het is nog
+een imposant monument van de militaire mohammedaansche bouwwijze, die men terugvindt in vele vestingen uit denzelfden tijd.
+
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-261-2.jpg" alt="In de tuinen van den Sardar Bagh." width="700" height="541"><p class="figureHead">In de tuinen van den Sardar Bagh.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Het rijtuig bracht ons tot op de wallen; bij den ingang viel ons het gewelf boven de deur op, dat een merkwaardig voorbeeld
+was van de oude rajpoetische architectuur. Het is moeilijk den tijd van ontstaan vast te stellen; maar als die poort van vroegeren
+datum is dan de herstellingen, in de 15de eeuw aangebracht, zooals een opschrift aangeeft, toch klimt ze niet hooger op dan
+de 18de eeuw.
+
+</p>
+<p>In een sankrietsch werk uit de elfde eeuw van iemand, geboortig van Goedsjerat, wordt gezegd, dat de vierde vorst uit het
+geslacht der Chudasama&#700;s in de tiende eeuw overwonnen en gevangen genomen werd en daarna weer in vrijheid gesteld door een
+vorst uit Goedsjerat, dat hij vervolgens Vanthali verliet, dat zijn hoofdstad was, om zich te Junagadh te vestigen, waar hij
+de citadel liet bouwen, hetgeen verklaard wordt door de noodzakelijkheid, waarin de Chudasama&#700;s waren, om zich te beschermen
+tegen de invallen van hun machtige en oorlogzuchtige buren.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-261-1.jpg" alt="Kanon van de citadel in Junagadh, in de 16de eeuw in Egypte gegoten." width="659" height="405"><p class="figureHead">Kanon van de citadel in Junagadh, in de 16<sup>de</sup> eeuw in Egypte gegoten.
+</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Een beslissend getuigenis brengt steun aan dat bericht uit de elfde eeuw. De boeddhistische pelgrim Hioe&euml;n Thsang, die in
+de zevende eeuw reisde en die zoo minitieus de steden, bergen en oude grotten van Saurasthra heeft beschreven, maakt geen
+melding van den Uperkot, bewijs, dat de citadel niet bestond toen hij in de plaats was. In de elfde eeuw begint de geschiedenis
+van de belegeringen, die zij had te doorstaan, eerst van de Hindoevorsten, dan van de Muzelmannen. Overigens mag het fort
+ondanks de herhaalde <a id="d0e419"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e419">262</a>]</span>capitulaties trotsch zijn op zijn lang verleden. Het heeft dapper de aanvallen weerstaan der veroveraars, die het op zijn
+bestaan voorzien hadden. Na de opneming van Sorath in het mongoolsche rijk treedt de vesting in de schaduw. In de 18de eeuw
+maakten de geldzuchtige Arabieren, wien men achterstallige soldij schuldig was, zich er herhaaldelijk meester van, en ze konden
+er slechts met moeite uit verdreven worden. Van dien tijd af hebben de gevangenissen, die het bevatte, slechts gediend voor
+de vorsten of de opstandelingen, van wie men zich wilde ontdoen.
+
+</p>
+<p>Het monument, dat het eerst de aandacht trekt, is de moskee, een groot gebouw van 136 bij 103 voet. Het uitwendige heeft niet
+veel stijl; het is zwaar en lomp met de vier granieten zuilen op de hoeken; maar het inwendige biedt een verrassing; er staan
+140 zuilen in verschillende rijen. Die der drie eerste, van den gevel af naar binnen, zijn dikker, evenals die van de vijfde
+en tiende rij overdwars en zijn door bogen samen verbonden, zoodat ze, als ze waren voortgezet, het gebouw zouden hebben verdeeld
+in drie hoofdschepen in het midden en twee zijschepen van de helft der grootte. De preekstoel ligt elf treden boven den beganen
+grond, en de deuren zijn van prachtig bewerkt marmer.
+
+</p>
+<p>De moskee, die onder Mahmoed Bigar&eacute; werd begonnen, is waarschijnlijk nooit voltooid. Op de wallen staan twee zware kanonnen
+op de stad gericht en beroemd in de geschiedenis van Junagadh. Het grootste is bekend onder den naam van Nilam tope, het blauwe
+kanon; er staat een arabisch opschrift op, dat er aan herinnert, hoe het stuk in Egypte werd gegoten op bevel van sultan Soleiman,
+zoon van Selim Khan, koning van Arabi&euml; en Perzi&euml;, om de vijanden van den godsdienst te verdelgen en die van den staat,&#8212;dat
+waren de Portugeezen,&#8212;legers toen de steden van Indi&euml; bezetten.
+
+</p>
+<p>Achter de moskee ziet men aan den noordkant een merkwaardig staal van den bouw in de rotsen, namelijk de zalen, die in 1879
+ter gelegenheid van het bezoek van Burgess werden ontdekt.
+
+</p>
+<p>De opgravingen brachten twee rijen van in de rots uitgehouwen woningen aan het licht, van een nog niet nader omschreven karakter.
+Onze onderaardsche wandeling was zeer interessant; door de groote openingen voor licht en lucht, die door de oorspronkelijke
+aanleggers zijn uitgespaard, kan men de gidsen volgen, zonder vrees van in de duisternis te verdwalen en door gebrek aan lucht
+te stikken.
+
+</p>
+<p>Op de eerste verdieping was een groot r&eacute;servoir, misschien een vischvijver, aan drie zijden omgeven door een veranda, die
+overdekt was. Aan den westkant is er een soort van platform, gelijk aan die, waar men in tempels de beelden plaatst. Burgess
+denkt, dat de menschen er hun kleederen neerlegden, als ze zich baadden, en men kan nog sporen vinden van een buizenstelsel,
+dat het water aanvoerde uit een put in de buurt naar een kleinen regenbak aan den ingang, opdat het gezuiverd zou wezen, voordat
+het in het r&eacute;servoir kwam.
+
+</p>
+<p>Het vertrek boven de baden, als men ze zoo mag noemen, ligt open en aan den kant, van waar het licht komt, staat een laag
+muurtje, zoodat door een wijde opening dat licht binnenstroomt. De gang aan den zuidkant vertoont twee zuilen met achtkantigen
+voet, welker kapiteelen met bloemen zijn versierd en met andere versieringen, die alle ongelukkig in zeer slechten staat zijn.
+Wij toefden lang in de zaal der baden, v&oacute;&oacute;r we heengingen.
+
+</p>
+<p>Men kan deze rotswoningen niet beschouwen als bij een klooster behoorend; eerder doet de nabijheid van een oud paleis, het
+Khengar Mehal, vermoeden, dat ze een d&eacute;pendance waren van dat huis, dat, in de jungle gelegen, overgeleverd is aan de moderne
+exploiteerders van een steengroeve. Het was nog te herkennen aan den 250 meter langen gevel in de rots uitgehouwen en gesteund
+door massieve pilaren, en bestond uit een doolhof van zalen, gangen en trappen. God behoede mij ervoor, daarmee den lezer
+lastig te vallen. Liever wil ik bij u de herinnering wekken aan de bewoners van die onderaardsche woningen, die zeer zeker
+aangename verblijven waren in den tijd van groote warmte, maar die in geen enkel opzicht gelijken op de kloosters en de lichte,
+sierlijke bouwwerken, over de heuvels van den Girnar verspreid.
+
+</p>
+<p>In den Uperkot of de vesting vinden wij twee groote putten, die uit den tijd der Chudasama&#700;s dagteekenen. De eene, de Adi
+Sjadi, werd aangelegd door twee slavenmeisjes van een der vorsten dier dynastie, en men daalt erheen af langs steenen trappen;
+de andere, de Noghan, klimt op tot de elfde eeuw. Een gang van tien voet breed, in een spiraal in de rots gehouwen, leidt
+langs 235 treden in de diepte, namelijk tot ongeveer 120 voet. Ze wordt verlicht door openingen in de rots; aan den eenen
+kant is een soort van balkon, waar een bedwelmende drank werd bereid in een grooten bak, dien men nog herkennen kan. Er wordt
+verteld, dat het hof er bacchantische feesten kwam vieren.
+
+</p>
+<p>Duiven vlogen rond boven een der putten, die door gebladerte overschaduwd werd. Ik wilde er in afdalen, maar de vochtigheid
+en vooral de stank van het erin staand water noodzaakten mij terug te gaan. Maar wel had ik er genoeg van gezien, om mij rekenschap
+te geven van die soort van putten, die zoo nuttig moeten zijn geweest. Want is niet het water een groote weldaad voor het
+Oosten? Hij, die het zijne bijdroeg tot de bewaring en verspreiding van een zoo nuttige stof, deed een gezegend werk, en werken
+van irrigatie hebben al van de oudheid af de regeerders van deze streken beziggehouden. Wij zullen daarvan ook een bewijs
+vinden aan den voet van den Girnar. Ook moderne werken van dien aard zijn in den Uperkot uitgevoerd.
+
+</p>
+<p>De vesting zag er in het roode licht van den vallenden avond schilderachtig uit; de ru&iuml;nen en de met boomen bedekte heuvels
+boeiden het oog; op een ouden muur vertoonden pauwen hun prachtig gevederte, en van de wallen overzag men de stad en de vlakte,
+al in schemering gedompeld, terwijl links zich de majestueuse top van den Girnar verhief.
+
+</p>
+<p>Boeddhistische grotten en holen komen er veel voor in Junagadh; Hioen Thsang heeft ze ook vermeld.
+
+</p>
+<p>Er waren in zijn tijd meer dan 50 kloosters en bijna 3000 monniken, en daarbij honderden tempels, waar monniken van verschillende
+secten in vrede <a id="d0e445"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e445">263</a>]</span>leefden. Ondanks de verwoestingen door den tijd aangericht, en ondanks 400 jaren van mohammedaansche overheersching, treft
+men nog belangwekkende sporen van het boeddhistisch tijdperk aan. De reizigers, die van het land spreken, zeggen, dat de streek
+letterlijk met cellen was overdekt.
+
+</p>
+<p>Dat kluizenaarsleven is een der karakteristieke eigenaardigheden van het Boeddhisme. Ieder mocht gaan wonen in de bosschen
+of de grotten van het bergland, en als de regentijd daar was, kon de heremiet zich voegen bij zijn collega&#700;s, die in de kloosters
+of vihara&#700;s woonden. Die kloosters bestonden, schijnt het, uit een plein, omringd door cellen, met galerijen, die versierd
+waren. De cellen in de open lucht zijn verdwenen en enkel die zijn overgebleven, die in de rotsen waren uitgehouwen. De oudste
+inrichting schijnt te zijn geweest, dat de kleine cellen op rijen lagen met een veranda, die op pilaren rustte. Aan de westzijde
+is er aan het bouwwerk meer zorg besteed dan aan het beeldhouwwerk. Het dak wordt door zuilen gedragen, en een zuilengalerij
+geeft toegang tot een diepe zaal, waar de monniken dienst hielden en hun Boeddha&#700;s aanbaden. Aan den oostkant van den Uperkot
+bij het klooster Bawa Pyara vindt men ook van die onderaardsche woningen; maar hoe een denkbeeld te geven van dien overvloed
+van gangen en zalen en cellen? Er bestaat trouwens geen twijfel aan de bestemming van de bouwwerken.
+
+</p>
+<p>Hoe opgestapeld de aarde en het puin ook zijn in die zalen, de kenners hebben er de inrichting van een vihara in herkend.
+Ik mocht er niet binnentreden, en ik had ook inderdaad genoeg aan het uitwendige; de verbeelding stelde mij in staat, mij
+het leven van de monniken voor te stellen. Een opschrift leert, dat de holen ingericht waren voor de Dsjaina&#700;s door de koningen
+van Saurasthra op het eind van de tweede eeuw der christelijke jaartelling, of dat ze hun geschonken waren toen de Boeddhisten
+er geen gebruik meer van maakten. Het kloosterleven der Dsjaina&#700;s gelijkt, zooals bekend is, veel op dat der Boeddhisten.
+
+
+</p>
+<p>Verder in de jungle, te Ma&iuml; Godesji, waren onder een ouden Hindoetempel, die in een moskee is veranderd, andere kamers; die
+behoorden waarschijnlijk niet bij een klooster, maar ze werden zeker gebruikt als die in den Uperkot.
+
+</p>
+<p>Van alle overblijfselen van den boeddhistischen godsdienst in Saurasthra is er geen enkel zoo belangrijk als de opschriften
+op den Asokasteen. Wij wijdden daaraan een morgen. Men verlaat dan de stad door de Wagheswaripoort in het Zuidoosten, en laat
+den Uperkot links liggen. Het is tevens de weg naar den Girnar. Vroeger hadden de reizigers, die naar de tempels gingen, te
+kiezen tusschen een wandeling en een draagstoel; thans leidt een rijweg naar den voet van den berg, en ons rijtuig reed een
+smal dal binnen, beplant met teak- en ebbenhoutboomen.
+
+</p>
+<p>In het begin der 19e eeuw legde de rijke paardenkoopman Sundarji, van Junagadh uit, een weg aan, waar hij boomen met rijk
+gebladerte langs liet zetten, opdat de pelgrims in de schaduw zouden kunnen uitrusten, zoodat men aan hen de ontdekking van
+den Asokasteen te danken heeft, want zonder dit voorbereidingswerk zou het monument nog verborgen wezen in de onontwarbare
+acaciaboschjes, die het omringen.
+
+</p>
+<p>De eerste, die er melding van maakt, kolonel Tod, heeft een levendig verhaal gegeven van zijn ontdekking in December 1822.
+Bij de samenkomst van de door Sundarji geplante laan en de Sonarekh, een der talrijke riviertjes, die den voet van den Girnar
+besproeien, komt een breede weg, evenwijdig aan de laan, uit bij een brug met drie bogen en voorzien van een leuning. Voordat
+die brug gebouwd was, liepen de pelgrims in den regentijd gevaar, door het water der rivier te worden meegesleurd, en veel
+ongelukken gebeurden er.
+
+</p>
+<p>Nadat men den weg heeft verlaten en naar rechts is gegaan, bereikt men den Asokasteen. Tod heeft hem beschreven als &#8220;een zware
+massa in den vorm van een halven cirkel van zwart graniet, die als een wrat op het menschelijk lichaam de schors van onze
+moeder aarde had doorboord, zonder een spleet of scheur te maken.&#8221;
+
+</p>
+<p>De oppervlakte, die de steen besloeg, was 10 voet. De steen was in afdeelingen verdeeld of parallelogrammen, die opschriften
+in antiek schrift bevatten. Tod begreep, dat hij zich in de tegenwoordigheid bevond van een nog niet leesbare bladzijde der
+historie; hij bepaalde zich er toe, zijn secretaris te verzoeken twee der opschriften en een deel van het derde af te schrijven.
+En er werd in dertien jaren niets meer gedaan.
+
+</p>
+<p>In 1835 onderzocht Dr. Wilson, die tegen het vallen van den avond van den Girnar daalde, de opschriften, nog steeds onontcijferbaar
+geacht, ofschoon ze reeds de aandacht van de geleerde wereld hadden getrokken. Hij liet er afdrukken van nemen in 1837 en
+trachtte tot het begrip er van te komen, maar Prinsep was hem in 1838 voor met het vinden van den sleutel tot het nieuwe letterschrift.
+Door een gelukkig samentreffen had luitenant Kittoe te Dhauli een lang opschrift ontdekt, dat bijna identiek was aan dat te
+Junagadh, en kapitein Birtes liet een opschrift overnemen, dat gegraveerd was op een rots dicht bij het dorp Sjah-baz-garhi,
+36 mijlen ten noorden van Peshawar, ook identiek met die van Girnar en Dhauli.
+
+</p>
+<p>Het was voor diegenen, die zich aan de bestudeering van de teksten wijdden, noodig correcte copie&euml;n te hebben en welverzorgde
+afdrukken van al die figuren. In 1838 werd luitenant Postans door het bestuur van Bombay naar Junagadh gezonden, om de opschriften
+te copi&euml;eren en Burgess kwam in 1869 afdrukken maken. De steen was in die dagen door een kluizenaar bezet, die er zich een
+soort van hut naast had gebouwd en hout rondom had opgestapeld. De regeering van Bombay, van die feiten op de hoogte gebracht,
+richtte vertoogen tot den eersten minister van Junagadh, die over den steen een dak liet bouwen. Dat werd later vervangen
+door een soliede en fraai gebouwtje, waarin wij het genoegen hadden, eenige oogenblikken te rusten. Wij zullen de geleerden
+niet volgen in hun ontcijferingswerk en in hun verklaringen der opschriften. De opschriften zijn van het hoogste belang; men
+heeft ze terecht vergeleken met den steen van Rosette, met de opschriften <a id="d0e467"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e467">264</a>]</span>op rotsen te Bisitoen, en met de steenbibliotheken van Assurbanipal.
+
+</p>
+<p>Een enkel woord over den vorst, van wien ze uitgingen. Asoka Biyadasi, koning van Magadha of Behar, die in de derde eeuw v&oacute;&oacute;r
+Christus regeerde en tot het Boeddhisme werd bekeerd, legde er zich met ijver op toe, zijn godsdienstige denkbeelden te verspreiden.
+Er wordt gezegd, dat hij 64.000 priesters onderhield en kloosters stichtte in zoo groot aantal, dat zijn land nog het land
+der kloosters wordt genoemd, der vihara of behars. Hij maakte het Boeddhisme tot staatsgodsdienst, stelde een raad in, om
+de geloofsartikelen te verklaren, verspreidde zedelessen, benoemde een ministerie, om de zuiverheid der leer te handhaven
+en gaf bevel tot een herziening van den kanon der boeddhistische geschriften.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-264.jpg" alt="Onderaardsche vertrekken in de citadel, in 1869 ontdekt." width="720" height="514"><p class="figureHead">Onderaardsche vertrekken in de citadel, in 1869 ontdekt.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Terzelfder tijd verspreidden legioenen van zendelingen zijn leer tot in de verste streken, en zijn wereldlijke macht zette
+kracht bij aan het prestige zijner boodschappers.
+
+</p>
+<p>Het monument is niet het eenige van zijn soort; veertien opschriften op rotsen in Indi&euml; verspreid, geven dezelfde voorschriften.
+Deze steen van Asoka telt veertien edicten of wetsbepalingen van Asoka en twee opschriften, die betrekking hebben op de herstelling
+van een oud r&eacute;servoir, de Soedarsana.
+
+</p>
+<p>Men kan de voorschriften van Asoka aldus samenvatten:
+
+</p>
+<p>Ten eerste werd verboden dieren te dooden, om ze te eten of te offeren.
+
+</p>
+<p>Ten tweede werden voorschriften gegeven omtrent geneeskundige hulp voor menschen en dieren, omtrent aanplantingen en putten
+aan den kant der wegen.
+
+</p>
+<p>Ten derde werd bevolen, zich alle vijf jaren aan een boete te onderwerpen en opnieuw de groote zedelijke waarheden van het
+boeddhistisch geloof te publiceeren.
+
+</p>
+<p>Ten vierde werd een vergelijking getrokken tusschen den ouden staat van zaken en de nieuwe richting van den koning.
+
+</p>
+<p>Ten vijfde moesten er zendelingen worden benoemd, om de leer in vreemde landen te gaan verkondigen.
+
+</p>
+<p>Ten zesde werd de gelofte verplicht gesteld, dat men gelijkheid van rang en stand zou handhaven.
+
+</p>
+<p>Ten zevende werd de aanstelling van zederechters verplicht gesteld.
+
+</p>
+<p>Ten achtste werd op het verschil gewezen tusschen de materi&euml;ele genoegens van de voorgangers van den koning en zijn eigene.
+
+
+</p>
+<p>Ten negende werd een uiteenzetting gegeven van het ware geluk, dat slechts in deugd te vinden is, waardoor de zegeningen des
+hemels den mensch te beurt vallen.
+
+</p>
+<p>Ten tiende werd een vergelijking gemaakt tusschen den vergankelijken roem dezer wereld en de hemelsche zegeningen, waar de
+koning naar haakt.
+
+</p>
+<p>Ten elfde werd een verklaring gegeven van de stelling, dat de grootste van alle gaven, die men aan zijn medemensch kan schenken,
+is hem de deugd te leeren.
+
+</p>
+<p>Ten twaalfde wordt een woord tot de geloovigen gericht.
+
+<a id="d0e506"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e506">265</a>]</span></p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-265.jpg" alt="De Asokasteen ligt rechts van den mooien weg naar den Girnar." width="720" height="352"><p class="figureHead">De Asokasteen ligt rechts van den mooien weg naar den Girnar.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Om eenig denkbeeld te geven van de voorschriften en van den stijl des koning-schrijvers, kiezen we het achtste, dat de bekeering
+van den koning tot het Boeddhisme inhoudt.
+
+</p>
+<p>&#8220;In vroegere tijden kenden de koningen de pleizierreizen, de jacht en andere vermaken. Maar Pyadasi, de geliefde koning der
+Deva&#700;s, tot het tiende jaar zijner regeering gekomen, heeft de volmaakte leer van Boeddha leeren kennen, en zal alleen die
+wet verspreiden.
+
+</p>
+<p>In de tiende stelling verklaart hij, dat de eenige roem, dien hij begeert, is zijn volken te zien gehoorzamen aan die wet
+en alle plichten te zien vervullen, die zij oplegt, en hij voegt erbij: &#8220;Het is een moeilijke zaak voor een middelmatig mensch,
+om de zaligheid deelachtig te worden, zooals ook voor iemand van rang, tenzij hij door buitengewone verdienste alles hebbe
+opgeofferd; maar voor een vorst is het nog veel moeilijker.&#8221;
+
+</p>
+<p>Indien de koning dan al een vurig proselietenmaker is, hij heeft toch eerbied voor het geloof van anderen. Die gedachte drukt
+hij uit in het twaalfde voorschrift.
+
+</p>
+<p>&#8220;Pyadasi, de geliefde koning der Deva&#700;s, heeft eerbied voor elk geloof. Hij eert tevens de bedelaars, door hun aalmoezen te
+geven. Men moet alleen zijn eigen geloof liefhebben, maar men moet dat van anderen niet beschimpen; dan doet men niemand onrecht.
+Er zijn zelfs omstandigheden, waarin het geloof van anderen even hoog moet gesteld worden. Door dat te doen, versterkt men
+zichzelven in het geloof en dient tevens dat van anderen.&#8221;
+
+</p>
+<p>Onnoodig, de aanhalingen nog te vermeerderen. Het is die geest van verdraagzaamheid, dien we vooral wilden laten uitkomen,
+want die geest zou zich door de eeuwen handhaven in het Boeddhisme.
+
+</p>
+<p>De andere opschriften, die een weinig beschadigd zijn, houden zich bezig met het Soedarsana of mooie meer, waarvan men de
+sporen in het dal heeft gezocht.
+
+</p>
+<p>Zooals ik al zei naar aanleiding van de irrigatiewerken in den Uperkot, men hield zich lang bezig met die vragen in Saurasthra.
+De opschriften leeren, dat het meer het werk was van een onderkoning van Kathiawar, die 300 jaar v&oacute;&oacute;r Christus het aanlegde;
+dat het onder Asoka verfraaid werd en toen 350 jaar onveranderd bleef. Maar na dien tijd, in 129 na C. veroorzaakten hevige
+regens overstroomingen in het Girnargebied; een orkaan wierp boomen omver, deed rotsen schudden, rukte deuren uit hun voegen
+en vernielde de woningen. De wateren braken de dijken en sleurden alles mee. Het scheen een onherstelbare ramp, en de raadgevers
+van den koning deden er niets aan. Maar het volk vroeg luide naar zijn &#8220;schoon meer&#8221; en koning Rudra Daman, die toen over
+Goedsjerat regeerde, en die geen belastingen hief en geen heerendiensten vergde, maar alles uit eigen fondsen betaalde, stond
+zijn onderkoning toe, het meer te herstellen. Het opschrift zegt, dat die herstelling door middel van een dam werd bewerkstelligd.
+
+
+</p>
+<p>En er verliepen 310 jaren, toen in 449 op een nacht ten gevolge van hevige regens de dam bezweek tot grooten schrik der bevolking.
+Zeven jaren later slaagde de onderkoning erin, in twee maanden een dam te bouwen van 150 voet lang, en 102 voet breed en 35
+voet hoog. Hoe lang hield het nieuwe werk stand en waardoor werd het vernield? Op welk tijdstip nam de plantengroei weer de
+plaats in van die watervlakte, die zich uitstrekte aan den voet van den Girnar? Wanneer trad de liefelijke rivier Sonarekh
+binnen haar bedding terug? Geen enkele overlevering maakt er melding van, en men weet zelfs niet, waar het Soedarsana gelegen
+was! Een pandit heeft de plaats vastgesteld op driekwart mijl van de stad naar het Oosten op weg naar den Girnar; <a id="d0e530"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e530">266</a>]</span>vondsten van metselwerk, hier en daar teruggevonden, hadden hem tot die veronderstelling gebracht; maar in dat geval zou de
+weg naar den Girnar afgesloten zijn geworden en de bedevaartplaatsen, zooals Damodar Kund, zouden overstroomd zijn geworden
+en zouden ontoegankelijk zijn. Naar de muurresten te oordeelen in de bedding der Sonarekh en naar sommige golvingen van het
+terrein aan den linkeroever, denkt men eerder de omstreken van den Uperkot als de plaats van het meer te moeten aanwijzen.
+
+
+</p>
+<p>Ons bezoek aan den Asokasteen was zeer interessant geweest, en op den terugtocht wierpen we slechts even een blik op de mooie
+natuur. Aangekomen bij het Lal Bagh, maakten we toebereidselen voor de bedevaart naar den Girnar, die den volgenden dag zou
+plaats hebben. Van de meest aangrijpende herinneringen van het Boeddhisme zouden we overgaan tot de moderne werkelijkheid
+van een ermee wedijverende secte, de Dsja&iuml;na&#700;s.
+
+</p>
+<p>Het ideaal van een heilig leven, door Asoka gedroomd, zou niet tot Indi&euml; beperkt blijven. De leer van dat leven ging over
+de grenzen, en de geest van het proselietisme, die het wezen van het Boeddhisme is, zond zendelingen naar de verste landen,
+waar ze zielen wonnen. Er zijn thans meer dan 500 millioen Boeddhisten in de wereld; in Indi&euml; en Birma drie millioen. Het
+Brahma&iuml;sme, dat tijdelijk achteruitging, maar nooit verdelgd was, herkreeg zijn bloei in de achtste en negende eeuw, en in
+de elfde joegen de Mohammedanen beslist het Boeddhisme uit Kaschmir en Orissa, die alleen getrouw gebleven waren. De leerstellingen
+van Boeddha waren echter niet verloren gegaan; zij voegden zich bij de nieuwe elementen, met behulp waarvan het Hindoe&iuml;sme
+ontstond. Indi&euml; wierp diegenen uit, die er niet pasten en behield wat bij zijn aard en wezen paste. Het Boeddhisme liet echter
+op indischen grond, zooals ik reeds zeide, een secte achter, die het overleven zou.
+
+</p>
+<p>Het Dsja&iuml;nisme heeft zijn oorsprong te danken aan Swami Mahavira, metgezel van Boeddha, misschien wel zijn leermeester, als
+men de teksten van de Dsja&iuml;na&#700;s mag gelooven. Evenals de Boeddhisten verwerpen de Dsja&iuml;na&#700;s de Veda, als dat boek in strijd
+is met hun leer, alsook de autoriteit der Brahmanen; ze houden geen rekening met de offeranden en leven in strikte zedelijkheid.
+Zij gelooven, dat hun verleden en hun toekomst van hun eigen handelingen afhangen en niet van den wil van God, en ze hebben
+een grooten eerbied voor het leven van menschen en dieren. Ze verdeelen den tijd in opeenvolgende era&#700;s en kennen aan elke
+era vier-en-twintig Dsjina&#700;s of rechtvaardigen toe, mannen, die volmaakt zijn geworden, door de menschelijke hartstochten
+te overwinnen.
+
+</p>
+<p>Er zijn er 24 geweest in het verleden; er bestaan in het tegenwoordige ook 24, en er zullen 24 in de toekomst wezen. Ze plaatsen
+in hun tempels kolossale marmeren beelden voor die Dsjina&#700;s.
+
+</p>
+<p>De Dsja&iuml;na&#700;s worden in twee groote secten verdeeld, de Digambara&#700;s, in ruimte gekleed, en zoo genoemd, omdat de monniken van
+die secte de gewoonte hadden, geen kleederen te dragen. In Indi&euml; is namelijk de volkomen naaktheid aan zijn wijzen veroorloofd.
+De tweede secte is die der Swetambara&#700;s, wier monniken witte kleederen dragen. Deze bedienen zich steeds van een waaier en
+houden een lap voor den mond, om niet te dooden, want kleine levende wezens konden in hun mond komen en den dood vinden. Zij
+mogen een bedelschaal in de hand houden, om voedsel in ontvangst te nemen, dat de geloovigen hun geven, wat de Digambara&#700;s
+niet mogen doen. Dezen mogen de giften alleen in het holle van de hand aannemen. De monniken wonen niet samen in kloosters;
+ze reizen en trekken, leven van aalmoezen, en als ze behoefte hebben aan rust, trekken ze zich terug in rusthuizen, die vermogende
+Dsja&iuml;na&#700;s voor hen hebben gebouwd. Vroeger waren ze verdeeld in talrijke broederschappen, waarvan nu nog vier of vijf over
+zijn.
+
+</p>
+<p>De leeken of Sjrawaks dragen noch heilig lint, noch teeken op het voorhoofd, noch houten halsband. Ze onderwerpen zich aan
+bepaalde reinigingen en hebben Brahmanen als dienstdoende geestelijken, al vereeren ze de monniken hoog. Hun godsdienstplichten
+zijn niet te vergelijken met die der Brahmanen, wier leven een onderwerping is aan nietigheden van den dienst; de gebeden
+van de Dsja&iuml;na&#700;s zijn noch lang, noch ingewikkeld. De monniken worden aan geen enkelen regel gebonden, en de leeken zijn enkel
+gehouden aan een bezoek aan de tempels, waar ze driemaal moeten loopen om het beeld van hun heilige en buigen voor de andere
+kleine beelden, onder het aanbieden van een offer en het uitspreken van enkele formules.
+
+</p>
+<p>Goedsjerat is het uitverkoren land van die rijke en belangrijke secte; het aantal Dsja&iuml;na&#700;s bedraagt in &#700;t geheel nauwelijks
+een millioen.
+
+</p>
+<p>Als men het Dsja&iuml;nisme zou willen omschrijven, kan men niet beter zeggen dan dat het een Boeddhisme is, voorzien van een mythologie
+niet van goden maar van heiligen. Inderdaad is het ideaal van een Dsja&iuml;na een tempel te bouwen, waar hij het beeld van een
+zijner Dsjina&#700;s plaatsen kan, het steenen gebed, zooals ze zeggen en wat ook Fergusson heeft beweerd. Het gebed vindt dan
+zijn geloofsuitdrukking in de schoonheid der architectonische vormen en de pracht van het geheel.
+
+</p>
+<p>Zoo verklaart het zich, dat men zooveel prachtige Dsja&iuml;na-tempels door geheel Indi&euml; vindt, bij voorbeeld bij de Aravalli,
+op den berg Aboe, in Bengalen te Parasnath; in Kathiawar op den heiligen berg Satrunjaya, eindelijk tegenover ons op het plateau
+van den Girnar, waar wij morgen den 22sten Dsjina gaan huldigen.
+
+</p>
+<p>Het bergmassief van den Girnar bestaat uit vijf toppen, den Amba Mata, bekroond met den tempel van de godin der primitieve
+tijden, Uma of Parvati; dan den Gorathnath, den hoogsten van alle, 3600 voet boven de zee; den Oghad Sikhara; den Datatreya
+en den Kalika.
+
+</p>
+<p>De Girnar was waarschijnlijk al een bedevaartplaats v&oacute;&oacute;r den tijd van Asoka, te oordeelen naar de sporen van cellen van boeddhistische
+monniken, die men er nog vindt. Zijn wonderbare geschiedenis wordt verteld door Brahmanen zoowel als door Dsja&iuml;na&#700;s; dertig
+hoofdstukken van de godsdienstige jaarboeken vieren zijn heiligheid in verhalen, die door de Brahmanen <a id="d0e554"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e554">267</a>]</span>werden bedacht en gelegd in den mond van Siva, hun geliefden god. Elke bedevaartplaats heeft zoo haar boek, waarin zijn verzameld
+haar overleveringen, de godsdienstige gebruiken van de plek, de herstellingen, die in de heiligdommen worden aangebracht,
+de genealogie der heiligen, der weldoeners en der personen, die bedevaarten er heen hebben ondernomen.
+
+</p>
+<p>Volgens de Dsja&iuml;na&#700;s hoorde Indra, toen hij aan Mahavira vroeg naar de namen der 25 heilige toppen, dat de vijfde was de groote
+berg Raivata, dat is de Girnar, die de vijfde wetenschap geeft, het eeuwig heil. De giften en gaven, die men er brengt, gelden
+voor verdiensten in deze wereld en in de andere, verdiensten, die alle zonden uitdelgen, begaan gedurende vele zielsverhuizingen.
+De wijzen hebben er geen materi&euml;ele zorgen meer; gelijk aan goden, brengen ze hun dagen door met het beoefenen van vrome werken
+en met de aanbidding van Nemi. De seizoenen zijn er betrouwbaar; de waterleidingen vloeien over van een nectar, door de goden
+geschonken; en eindelijk brengt de herinnering aan Raivata geluk. Het aanschouwen van den berg geneest ziekten, en als men
+er is geweest, worden al onze wenschen vervuld.
+
+</p>
+<p>Het landschap van den Girnar past bij zijn heiligheid. Het is er rustig en de eenzaamheid is er nu nog even gemakkelijk te
+vinden, als toen de berg bewoond werd door de monniken, die wijzen van de Veda&#700;s, aan wie Indi&euml; goddelijke vermogens toeschrijft.
+De lachende dalen, besproeid door heldere beken, de grotten, uitgehold in kloven in de rotsen, hebben nog hetzelfde aanzien.
+Zoo als ten tijde der pelgrimstochten de dichte menigte den top Amba Mata opgaat, in gewone tijden wonen alleen de dienstdoende
+priesters bij de heiligdommen, waar ze in het warme jaargetijde de aanwezigheid dulden van enkele bewoners van Junagadh, die
+de koelte komen zoeken; maar priesters, pelgrims, vreemdelingen, alle zonder onderscheid moeten zich onderwerpen aan de reglementen,
+die o.a. verbieden dierlijk voedsel te nuttigen op den heiligen berg; ook is alle handel er verboden, en kudden en herders
+moeten in de verte op de vlakte blijven. De Girnar is een plaats van rust voor vermoeide zielen, waar de Hindoe nieuwe kracht
+komt garen, bovennatuurlijke kracht, naar hij meent, en waar hij die verdiensten erlangt, die hem nieuwe beproevingen zullen
+besparen in nieuwe zielsverhuizingen.
+
+</p>
+<p>Onze excursie naar de tempels van den Girnar had op 12 Februari plaats. De heer C. Ch. Dhru wilde ons wel de noodige inlichtingen
+geven en voegde bij al zijn goedheden die van ons te vergezellen.
+
+</p>
+<p>Wij vertrokken tegen zeven uur in den morgen bij heerlijk we&ecirc;r. Wij zouden dezelfde etappen nemen als de pelgrims. Toen we
+de Wagheswaripoort uit waren gegaan, volgden we den weg naar den Asokasteen, dien we rechts lieten liggen. Nadat men de brug
+over is gegaan over de Sonarekh, gaat men door een aardig dal, dat boschrijk is en naar den Damodar Kund leidt, zoo genoemd
+naar Krisjna of Damodar en een meer vormend van het water der Sonarekh. Er voert een brug over de Damodar Kund, die gebouwd
+is op bevel van den diwan Haridas. Het al te bescheiden opschrift vermeldt niet den naam van den edelmoedigen schenker; er
+is slechts sprake van een zoon, die hoopt, dat de zegeningen der pelgrims zijn ziel ten goede zullen komen, en dat de verdiensten
+van het werk in aanmerking zullen worden genomen naast die van zijn hoogvereerde moeder. Er wordt aan het water van de Kund
+een vreemde werking toegeschreven, die namelijk van menschelijke beenderen op te lossen, en daarom hebben de Hindoes een crematorium
+in de buurt gebouwd of eigenlijk een verbrandingsterrein. Toen wij over de brug gingen, steeg een lichte rookwolk boven de
+Burning Ghat omhoog, een donkere en sombere vlek, die een weemoedige tint werpt over het zonnige land. Wat heb ik nu al veel
+van die brandstapels gezien, voor het meerendeel van arme menschen, zoo maar opgericht aan den oever der rivier of aan een
+of ander zandig strand, opdat des avonds, als de vloed opkomt, deze den doode, die misschien maar half verbrand is, meevoere
+naar zee!
+
+</p>
+<p>Aan den voet van den berg, te Chadani Vav, begon de eigenlijke bergbestijging, en daar veranderde ons vervoermiddel.
+
+</p>
+<p>De vier doli&#700;s en de zestien dragers, die besteld waren, wachtten ons op. De doli is een soort van armstoel zonder pooten,
+gelijkend, naar men zegt, op een romeinsch zadel, gedragen op vier lange stokken, die rusten op de schouders van vier sterke
+koelies. Ik zal nooit toestemmen, dat het een aangename manier van reizen is. Ik ben geen liefhebster van den draagstoel,
+al had ik er in reisbeschrijvingen soms vol geestdrift van hooren spreken.
+
+</p>
+<p>Nu kan ik bijna niet onder woorden brengen, wat ik heb uitgestaan, toen ik voor de eerste maal van dat vervoermiddel gebruik
+maakte. Het was te Udvada; op den weg naar den Vuurtempel, dus vele mijlen ver, liggend in dat smalle bed van antieken vorm
+en beschut door een klein zeil, hoorde ik steeds de gejaagde ademhaling van mijn dragers; ik zag het zweet vloeien langs hun
+bruine lijven. &#8220;Arme broeders,&#8221; zei ik tot mijzelve, &#8220;vergeeft het mij, dat ik den moed niet heb, uw diensten te weigeren!&#8221;
+En dat was een eenvoudig ritje over een vlakken weg, die goed onderhouden was, terwijl nu een bestijging van meer dan 2000
+voet moest plaats hebben. Toch was dat gevoel bij mij wel wat overdreven; in den tijd der bedevaarten volvoeren de pelgrims
+soms meermalen per dag den tocht omhoog en ze blijven er gezond bij. Zij houden van hun vak, worden goed betaald en klagen
+niet.
+
+</p>
+<p>Dus moest ik mij er wel in schikken; mijn staat van herstellende zieke legt mij den plicht op, volgzaam te zijn, en mijn waardigheid
+van gast van den diwan is mede een reden, om gehoorzaam de doli te bestijgen.
+
+</p>
+<p>Stapje voor stapje, of eigenlijk trap voor trap, ging de bestijging. Vroeger moesten de bedevaartgangers zich, zoo goed en
+zoo kwaad als het ging, een weg banen te midden der rotsblokken en van het rotspuin en op enkele plaatsen waren dan uitgesleten
+trappen, terwijl vijf herbergen aan den weg hem onderdak of een verfrissching boden. Maar nu hebben granieten trappen, die
+breed en gemakkelijk zijn, <a id="d0e574"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e574">268</a>]</span>maar nog al eens glad en vuil, en die om de rots heen loopen, den ouden weg vervangen.
+
+</p>
+<p>Die antieke trap was al gebouwd in 1166 en 1167 op kosten van een zekeren Amba, zoon van Raning, van de kaste der Sjromali&#700;s;
+ze werd hersteld in 1627 door een genootschap van pelgrims en eindelijk, in 1899, door de zorgen van de Girnar lottery, die
+meer dan 500,000 francs uitgaf om de trap in den tegenwoordigen staat te brengen en om bruggen te laten slaan op de gevaarlijke
+punten tusschen Ambaji en Jorakhnath. Wij bepaalden de volgorde van den tocht. V&oacute;&oacute;r mij mijn moeder, goed beschut door haar
+zonnepet en stevig gezeten in den stoel op de schouders van haar dragers, dezelfde als van lord Curzon naar het schijnt; haar
+trouwe Fran&ccedil;ois naast haar. Dan kom ik en dan mijn secretaris, die in zijn hoedanigheid van gegradueerde van de universiteit
+van Bombay, in diepe gedachten verzonken is, waarvan het resultaat, zooals hij mij heeft verteld, een artikel zal zijn in
+een der dagbladen van Surate.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-268.jpg" alt="Gezicht in vogelvlucht op de Dsja&iuml;na-tempels." width="720" height="392"><p class="figureHead">Gezicht in vogelvlucht op de Dsja&iuml;na-tempels.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Ik kan mij dus ongehinderd overgeven aan de overpeinzingen, waartoe de plaats en de herinneringen uitnoodigen; maar weldra
+worden ze op den achtergrond gedrongen door de bekoorlijkheid van het landschap; ik zie alleen nog met mijn physieke oogen
+de bewonderenswaardige tooneelen, die zich ontrollen en die winnen in grootschheid naarmate we hooger komen.
+
+</p>
+<p>Aan onze voeten liggen Junagadh, de Uperkot en de vlakten van Kathiawar en rondom hebben wij de boschrijke hoogten van den
+Girnar. Het is een verrukkelijk panorama.
+
+</p>
+<p>De ernstige stilte wordt alleen verbroken door zachte geluiden in de boomen; kleine, onschuldige aapjes spelen en doen den
+voorbijganger geen hinder. Bij de eerste halt stegen we uit aan den eenzamen weg, die sinds het woeden van de pest en den
+hongersnood verlaten is. De bedevaarten worden niet meer gehouden, want ieder gaat op eigen gelegenheid. Enkele pelgrims rusten
+in de herbergen uit; andere klimmen naar de hoogten, en er zijn er ook, die met hun stokken al hebben geraakt aan den heiligen
+grond van de toppen van Dattar en Gorakhnath. Allen komen van ver. Als men rustig met hen kon praten, wat zou men dan een
+goede voorstelling van de Hindoeziel krijgen, en als men ergens de geheimen van die ziel mocht onderzoeken, dan zou het zeker
+aan den Girnar zijn.
+
+</p>
+<p>Jonge vrouwen, in haar kleurige gewaden, komen met neergeslagen oogen van den Amba Mata, en de jonggehuwden brengen aan de
+godin cocosnoten en andere geschenken, opdat ze hun zegen schenke.
+
+</p>
+<p>Er waren veel asceten, die met verwarde haren en het lichaam met asch bedekt, in lompen gehuld rondliepen; een van hen was
+in een grot gehuisvest, waar we hem een bezoek brachten.
+
+</p>
+<p>In de oogen van den Europeaan zijn die waardelooze wezens in een goed georganiseerde maatschappij tot niets nut; maar voor
+den Indi&euml;r heeft de godsdienstige bedelaar zijn reden van bestaan, als de vertegenwoordiger van het oude ideaal van ascetisme
+en armoede. Is in Manoe niet het ascetisme de laatste etappe van het menschenleven? Volgens Boeddha is immers armoede de ware
+rijkdom. De asceten van tegenwoordig worden in veel klassen verdeeld; op den top van de ladder staat de Sanyasi, gewoonlijk
+Brahmaan van afkomst; daarna, veel lager, volgen de Yogi&#700;s, de Bawa&#700;s, de Sadhoes en de Gosains, die tot de lagere kasten
+behooren.
+
+</p>
+<p>Die laatsten leven in groepen, bedelen van huis tot huis, doen aan veel bijgeloovige gebruiken, en leggen zichzelven lichaamskwellingen
+op. In groepen staande om de heiligdommen, maken ze deel uit van de pelgrimages en komen ten laatste in de kloosters van hun
+secte terecht. Soms komen ze aan den weg om, maar al zou men hen in Frankrijk vagebond noemen, in Indi&euml; zijn het heiligen!
+
+<a id="d0e597"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e597">269</a>]</span></p>
+<p>Die bedelaars worden er gerekend tot de groote moreele krachten van het land. Zij dwalen zwijgend door de straten, bewegen
+zich onder de menigte, komen in de tempels en in de gezinnen, en de grootste moderne geesten zien in die ongelukkigen vertegenwoordigers
+van de onsterfelijke denkers van den godsdienst. Er zijn zelfs ministers geweest, die het hof en hun betrekking verlieten,
+om hun leven in ascetisme te besluiten. Die minachting voor den rijkdom, die niet zonder grootheid is, vindt men ook terug
+in de kringen van studenten. Zoo stellen zich de professoren van Fergusson college te Poenah tevreden met een allerminiemst
+salaris, en het zijn geleerden van den allereersten rang.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/p1907-269.jpg" alt="Tempel van Neminath, den 22sten Dsjina." width="720" height="521"><p class="figureHead">Tempel van Neminath, den 22<sup>sten</sup> Dsjina.
+</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Het leven van vrijheid en overpeinzing schijnt wonderlijk goed in dit land te huis te zijn. &#8220;Wanneer toch zal ik&#8221;, zoo vraagt
+de boeddhistische monnik, &#8220;wonen in een grot op de bergen, alleen, zonder metgezellen, met de bewustheid van de wisselvalligheid
+des levens? Wanneer zal dat heerlijk lot het mijne zijn? Wanneer zal ik wijs wezen en in kleeren van lompen, met niets, dat
+ik het mijne kan noemen, en zonder begeerten, zonder liefde, haat en dwaling vroolijk op de bergen wonen?&#8221;
+
+</p>
+<p>De trappen, die al steiler worden, leiden naar een plateau, waar de eerste tempels zijn gebouwd, eerste etappe op meer dan
+2000 voet hoogte. Men treedt er binnen door een groot portaal, dat tot een ruim gebouw toegang geeft, een zomerpaleis of fort,
+waarvan de ru&iuml;nen nu dienen als woning voor de priesters en hun bedienden.
+
+</p>
+<p>Aan den ingang is het opschrift, dat een verkorte lijst bevat van de vorsten uit de dynastie der Chudasama&#700;s. V&oacute;&oacute;r we binnengingen,
+werden we gelaten in een koele, donkere zaal, waar men ons verzocht, onze schoenen uit te trekken, om aardige laarsjes van
+rood laken ervoor in de plaats te stellen, met goud geborduurd, waarna we waardig zijn de gewijde ruimte te betreden. Er waren
+in de rotsen zalen uitgehouwen, en zoo vormden de dsja&iuml;na-tempels een soort van forten. Er was een galerij omheen met cellen
+of nissen, die hetzelfde beeld vertoonen in verschillende grootte.
+
+</p>
+<p>Deze tempels zijn de mooiste van den Girnar; de andere, die in de buurt verspreid zijn of op de hellingen der bergen, zijn
+minder rijk of van jonger datum.
+
+</p>
+<p>De eerste is die van Neminath, aan wien de berg is gewijd; oudtijds was de hoofdingang aan den zuidkant; maar die entr&eacute;e is
+verboden en men komt nu binnen door een ingang in het Khengarpaleis. Het gebouw staat op een vierkant plein van 190 bij 130
+voet; op een zuil in een der zalen zegt een opschrift, dat het in 1278 werd hersteld, en hieruit kan men den ouderdom wel
+zoo wat afleiden. Er zijn twee zalen en een heiligdom, waar een zwart marmeren standbeeld staat van Neminath, behangen met
+versierselen van goud en edelgesteenten.
+
+</p>
+<p>Rondom liep een gang met marmeren beelden, die oogen hadden van rotskristal. In de tweede zaal bemerkt men twee platforms
+van fijn gesteente, bedekt met afbeeldingen van voeten in paren, ter herinnering aan de 2452 voeten der eerste leerlingen
+van Neminath. <a id="d0e620"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e620">270</a>]</span>Natuurlijk kan men nauwelijks een derde ervan terugvinden.
+
+</p>
+<p>Al die wijde ruimten, overgoten met het heldere morgenlicht, waren aangrijpend van helderheid en witheid. Er waren in de zalen
+slechts enkele pelgrims en de brahmaansche priesters van den Girnar. Onze tegenwoordigheid wekte in het minst geen onwelwillende
+nieuwsgierigheid. Het was mijn eerste betreden van een tempel der Dsja&iuml;na&#700;s; ik had nog nooit een dienst bijgewoond, zooals
+later in Palitana en Calcutta, diensten, die trouwens zeer eenvoudig zijn en hoofdzakelijk bestaan uit het zingen van priesters
+onder begeleiding van muziek en het branden van wierook voor de beelden.
+
+</p>
+<p>Ik hoopte, het beeld te zien van Amyhara, dat in een onderaardsch verblijf wordt bewaard en waarvan het heet, dat het zweet.
+
+
+</p>
+<p>Om den tempel loopt een gesloten galerij met opengewerkte afsluiting, waarin kleine nissen met de vaak herhaalde beelden van
+den zittenden Dsjina Parasnath. Aan den zuidkant leidt een doorgang tusschen twee nissen of cellen naar een lage zaal, gesteund
+door granieten zuilen. Tegenover den ingang stonden twee groote beelden van zwart marmer, met daarbij een liggenden leeuw
+en een krokodil. Bij het rookende licht van onze fakkels kon men weinig onderscheiden. Deze onderaardsche verblijven maakten
+deel uit van de vroegere kloosters.
+
+</p>
+<p>Een lage deur voerde ons in een duister vertrek, waar we werden verzocht om af te dalen of liever ons te laten zakken in een
+lagere zaal. Daar troont in eenzame majesteit, in eeuwig zwijgen, het beroemde beeld van Parasnath. Toen ik in zijn tegenwoordigheid
+werd toegelaten, kon ik niet nalaten een stap achteruit te doen. Het type is dat van de andere Dsja&iuml;na-beelden, met de handen
+gekruist over de zilveren voeten, die ook gekruist zijn, het gelaat verlicht door groote, amandelvormige oogen, aangeduid
+door schitterende plekken, en den fijnen mond, die glimlacht, terwijl de lange oorlellen op de schouders afhangen. De vlam
+speelde op die zonderlinge figuur met felle licht- en schaduwplekken, en de indruk was niet aangenaam, zoo onaangenaam zelfs,
+dat ik geen aandacht had voor een der andere beelden, o.a. dat van Neminath aan mijn rechterhand, en dat ik gauw mijn plaats
+afstond aan mijn moeder en de anderen. Dit beeld wordt in hooge eere gehouden door de leden der secte en door de priesters.
+Wat de legende betreft van den fameusen waterdruppel, die uit zijn oor vloeit en een gat boort in den schouder, daar zal ik
+niet bij stil staan. Toch heeft hij aan het beeld den naam van Amyhara bezorgd, dat is druppel nectar.
+
+</p>
+<p>Met veel genoegen stegen we weer omhoog naar het licht en na het verblijf in die vochtige holen was het zien van het zonlicht
+een vreugde. Op den Girnar behoeft er geen vrees te bestaan, dat het felle licht den indruk der heiligdommen zal bederven.
+Het speelt integendeel in het beeldhouwwerk der plafonds, glijdt langs de nissen en om de pilaren en doet nooit die vervallen
+oudheid zien, die in andere deelen van Indi&euml; de monumenten kenmerkt. Het is of de Girnar een eeuwige jeugd geniet.
+
+</p>
+<p>Nu moesten wij nog een oog slaan op de pleinen, waar geen duimbreed gronds ongebruikt is gelaten. Men heeft er heiligdommen
+opgericht voor schutsgoden, bij voorbeeld Amba Mata, en kleine monumenten zijn gebouwd boven de voetstappen der hoogepriesters.
+
+
+</p>
+<p>Ons links wendend, zonder den eigenlijken tempelkring of Deva Kota te verlaten, vonden we een groep van drie tempels, die
+van Rishabhdev, Merakvasi en Sangharam Soni. De eerste bevat het kolossale beeld van Rishabhdev, den eersten Dsjina of Tirtankara;
+het is bedekt met pleister en draagt op elken schouder een staanden persoon in een houding van nadenken. De beide andere munten
+uit door de schoonheid der zolderingen en de d&eacute;tails van het beeldhouwwerk; het is alles schitterend. Tot aan den tijd van
+ons bezoek was het onmogelijk gebleken, er een photografie van te nemen door het witte en diffuse licht, dat tot in de verste
+hoekjes dringt. Misschien is men er later beter in geslaagd. Het heiligdom ligt op het Westen, een omstandigheid, die verklaard
+wordt door de vroegere bestemming van deze monumenten, die paleizen waren. Woonden in dergelijke woningen de echtgenooten
+van de Chudasama&#700;s? In den tempel van Sangharam Soni herkent men nog het best aan de proporties een koninklijke residentie.
+Die tempel is gewijd aan Parasnath, wiens modern standbeeld er te zien is.
+
+</p>
+<p>Buiten de Deva Kota vinden we eerst den tempel van den Rajah Samprati, die zeker de mooiste is door de gratie zijner lijnen,
+zijn prachtige ligging op de helling van den berg, en zijn plafondschilderingen, waarin de kunstenaars der Dsja&iuml;na&#700;s zichzelven
+hebben overtroffen. Hij is ook de oudste van de groep van den Girnar; een opschrift in het inwendige geeft als tijd van de
+stichting het jaar 1158 aan.
+
+</p>
+<p>Aan de noordzijde, een weinig afgezonderd van de groep, staat de Kumarpal, waarvan het lange portiek door 24 zuilen wordt
+gedragen. Het gebouw was in de vorige eeuw bijna verwoest; er was nog slechts een enkele zaal over. Toen de Dsja&iuml;na&#700;s tot
+de herstelling besloten, bespeurden ze, dat een siva&iuml;etisch bankier er bezit van had genomen, om er een voor hem heilig beeld
+te plaatsen. In wanhoop dreigden ze, dat ze, als men hun het eigendom niet teruggaf, tot de plechtigheid van het <i>dharna</i> te zullen overgaan, dat wil zeggen, bij de poort van den tempel te gaan zitten en te vasten tot de dood zou intreden, zoolang
+ze hun bezit niet terug hadden. De partijen kwamen tot een vergelijk, en volgens het opschrift had de restauratie in 1824
+plaats; het heiligdom bevat drie beelden.
+
+</p>
+<p>Eindelijk is er ten oosten van de Deva Kota, rechts van den weg die naar het heiligdom van Amba Mata leidt, de drievoudige
+tempel van Vestupal Tejpal. De dsja&iuml;nische kunst ontplooit er al haar pracht in de versiering der zolderingen, der pilaren
+en der koepels; ongelukkig heeft het beeldhouwwerk veel geleden. Het monument is zeer oud en werd in 1229 opgericht door den
+minister van een koning van Goedsjerat en zijn broeder.
+
+</p>
+<p>Het bezoek der tempels, hoe vlug het ook plaats had, was lang en vermoeiend geweest; ik heb er slechts een flauw denkbeeld
+van kunnen geven, en moet veel karakteristieke d&eacute;tails voorbijgaan; maar <a id="d0e647"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e647">271</a>]</span>daar ik er geen foto&#700;s van kon krijgen, zou de beschrijving geen doel treffen.
+
+</p>
+<p>De heer K. Ch. Dhru noodigde ons op een d&eacute;je&ucirc;ner in de voor gasten bestemde zaal; maar in zijn hoedanigheid van Brahmaan mocht
+hij niet aan onzen maaltijd deelnemen. Aan tafel liep het gesprek over de dingen, waar wij van vervuld waren, vooral over
+den oorsprong en de ontwikkeling der dsja&iuml;nische kunst.
+
+</p>
+<p>Het was trouwens slechts de herhaling van de meeningen der groote autoriteiten en van de indrukken der reizigers, in het bijzonder
+van Tod, wiens levendige beschrijvingen mij lust hadden gegeven, naar Girnar te gaan en mij tot geestdrift hadden gestemd.
+
+
+</p>
+<p>Minder begunstigd dan hij, werd het ons niet vergund, den nacht door te brengen op het mooie platform van de Deva Kota, en
+geen bliksemstraal, die de wolken scheurde, stond ons toe, met een enkelen blik de vlakten van Kathiawar en de verre oevers
+van Mangrol en Pattan te omvatten. Doch waarom getreurd, de helderheid der atmosfeer, het vriendelijke landschap, de zachtheid
+der temperatuur passen bij een streek, die de woonplaats der goden is geweest, en dat is de indruk, dien wij wenschen mee
+te nemen.
+
+</p>
+<p>Toen het d&eacute;je&ucirc;ner was afgeloopen, hervatten we onzen tocht naar den top van den berg; we moesten nog 600 voet stijgen. Links
+van ons boven de tempels teekende zich op de lucht een groot blok graniet af, de Bairav Jap, Sprong van den Dood, van waar
+de ongelukkigen, die met de bevrijding van hun kwalen de belooning hoopten te vinden voor hun wanhoopsdaad, zich naar beneden
+stortten, een belooning, die hen van treurig misdeelden en nederige proletari&euml;rs zou maken tot heeren en vorsten in het paradijs
+van Indra.
+
+</p>
+<p>Het slachtoffer, gedost in zijn mooiste kleederen, gaat naar den rand van den afgrond; met den voet rustend op een cocosnoot,
+balanceert hij een oogenblik en glijdt dan in het ledige, waar zijn lichaam op de punten der rotsen te pletter valt. Er werden
+ons veel voorbeelden genoemd van deze soort van godsdienstigen zelfmoord; maar de engelsche politie verzet zich krachtig tegen
+de ellendige praktijk. Meestentijds zijn de ongelukkigen van beperkt verstand, door geestdrijvers ingepakt en soms onder den
+invloed van alcoholische dranken.
+
+</p>
+<p>Tweehonderd meter boven de Deva Kota moet men niet verzuimen, een blik te werpen op het heiligdom van Mahadav en zijn heilig
+waterbekken, waar de pelgrims hun wasschingen moeten verrichten.
+
+</p>
+<p>Wij bestijgen de laatste treden, die naar den tempel van Amba Mata voeren, en terwijl onze beminnelijke gids zijn godsdienstplichten
+vervult, brengen wij een bezoek aan het inwendige. De priesters haastten zich een armen asceet te verjagen, wiens staat van
+naaktheid zijn verdwijning achter de rotsen rechtvaardigt.
+
+</p>
+<p>De tempel, die tot vrij hooge oudheid opklimt, is van zwart graniet gebouwd; hij was vroeger door een portiek omgeven, maar
+de bogen zijn dichtgemetseld. In 1889, toen de bliksem het gebouw had beschadigd, werd het hersteld door de Hindoes van Junagadh.
+Het inwendige is zoo donker, dat men ternauwernood het beeld van Amba Mata kan herkennen, de godin der oude tijden, een der
+gedaanten van Uma of Parvati.
+
+</p>
+<p>De zindelijkheid liet veel te wenschen over, en enkele <span id="d0e667" class="corr" title="Bron: rezigers">reizigers</span> hebben de weinig vleiende opmerking gemaakt, dat de tempel niet geveegd schijnt te zijn, sinds de Boeddhisten of de Dsja&iuml;na&#700;s
+hem aan de Brahmanen hebben afgestaan. Wij offeren ons penningske, en we gaan het uitzicht bewonderen, want van den Amba Mata
+kan men het gansche bergstelsel van den Girnar overzien. In het Oosten, vrij dicht bij ons, de Goraknath, gekroond met een
+tempeltje, gewijd aan den leerling van den een of anderen heilige; wat verder de Dattar, die geen spoor van eenigen plantengroei
+vertoont op zijn flanken van graniet; op den top staat een gebouwtje, dat de voetstappen van Neminath bedekt, en waar, naar
+beweerd wordt, de dsjina het Nirvana bereikte; en eindelijk, lager, de Kalika met een tempel voor de godin Kalika. Lagere
+bergen staan als een gordel om de hooge, en in het Zuiden breidt zich het woudgebied van den Gir uit. Alle dalen van het bergland
+en der lagere ketenen zijn bosch- en wildrijk.
+
+</p>
+<p>De Kalika staat in een niet te besten reuk, waardoor de geheele groep van bergen min of meer berucht is. Hij heeft tot in
+de jongste tijden tot woonplaats gediend aan de Aghori&#700;s. Een Aghori is iets verschrikkelijks, oordeelt men in Indi&euml;, en niet
+ten onrechte, zooals wij zullen zien.
+
+</p>
+<p>Als godsdienstige secte zijn de Aghori&#700;s zeer oud en worden in de geschiedenis vermeld als menscheneters. De schrijver van
+&#8220;Dabistan&#8221;, een werk uit de 17de eeuw, verhaalt, dat hij een Aghori gezien heeft, die een lijkzang zong, zittend op een lijk,
+dat hij verslond, ofschoon het al tot ontbinding was overgegaan. Deze schepsels aanbidden de godin Aghori Mata, maar van eigenlijken
+godsdienst kan bij hen geen sprake zijn, evenmin als van eenig wijsgeerig systeem, al beweren zij, dat ze de logische consequenties
+aanvaarden van de panthe&iuml;stische philosofie der Vedanta. Vroeger deden ze aan menschenoffers, en de plechtigheden bij hun
+inwijding waren iets monsterachtigs, terwijl ze tot op onzen tijd nog zeer weerzinwekkend moeten wezen.
+
+</p>
+<p>Het is bewezen, dat de leden der secte gedwongen worden, menschenvleesch te eten; om zich te verontschuldigen, beweren zij,
+dat hun hoofden hen uit de gemeenschap zouden stooten, als ze weigerden, zich aan die afschuwelijke gewoonte te onderwerpen,
+en dat ten overvloede de smaak van menschenvleesch hun de kennis verschaft van de onzienlijke dingen. Ze komen niet dikwijls
+te zamen; maar te Benares zijn er nog velen en daar zwerven ze om de kerkhoven rond, om den deelnemers aan begrafenissen geld
+af te persen.
+
+</p>
+<p>Ziehier het portret van den Aghori, geteekend door de hand van een kenner. &#8220;Zwart, vuil, harig, de oogen met bloed beloopen,
+de neusgaten wijd uitstaande, lange nagels, een met zweren bedekt lichaam, het haar vol ongedierte, in volkomen naaktheid,
+zoo is de Aghori. Hij ziet uit de oogen als een krankzinnige, lacht ook als zulk een ongelukkige, laat de tong uit den mond
+hangen en heeft vuile <a id="d0e678"></a><span class="pagenum">[<a href="#d0e678">272</a>]</span>tanden. Nooit wascht of reinigt hij zich; hij voedt zich met krengen en lescht zijn dorst met rottend water, in de eene hand
+houdt hij een schedel vast en in de andere een of ander martelwerktuig. Aldus heeft Malabari hem beschreven.
+
+</p>
+<p>De Aghori&#700;s hebben altijd schrik verspreid, waar ze zich vertoonden, en op het platte land vreesden hen de moeders, omdat
+men kinderroof van hen kende. Hun voornaamste verblijf was de berg Kalika. Thans zijn ze bijna verdwenen; maar de berg is
+nog berucht door hun vroegere aanwezigheid.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatLeft" style="width: 315px"><img border="0" src="images/p1907-272-1.jpg" alt="Beeld van Parasnath in den tempel van Neminath." width="315" height="429"><p class="figureHead">Beeld van Parasnath in den tempel van Neminath.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>Toen kwam de tijd, dat wij aan vertrekken moesten denken. Het ging bliksemsnel bergaf. Wat mij betreft, ik was zoo ingenomen
+met mijn lakensche laarsjes, met goud geborduurd, en ik was er zoo gemakkelijk mee geschoeid, dat ik besloot, te voet naar
+beneden te gaan in gezelschap van den heer Dhru. Moeder hernam ernstig haar plaats in den draagstoel; maar ik had niet voorzien,
+wat er met haar en de doli zou gebeuren; pas waren de stokken stevig op de schouders van de koelies geplant, of dezen gingen
+er in galop van door, sprongen als geiten over de granieten treden, vlogen langs de corniches op geen twee vingers afstands
+van den afgrond en mijn moeder werd in dien dollen ren meegevoerd! De heer Dhru had met zijn zachtheid en beleefdheid moeite,
+mij gerust te stellen. Onze bediende Fran&ccedil;ois was doodverschrikt en sloeg met zijn armen in de lucht. Nu was het de beurt
+van mijn secretaris, wiens dragers die van mijn moeder volgden op eenigen afstand; in 45 minuten waren ze allen beneden aangeland.
+
+
+</p>
+<p>Toen ik mijn moeder terugvond, was ze heel kalm, hoewel wat verbaasd over den dollen tocht; ze vond het zelfs wel een aardige
+ervaring, en we hadden er drie dagen later weer plezier van op den rit naar Palitana, waar we niet zoo verschrikt behoefden
+te zijn over de haast, waarmee we toen daalden.
+
+</p>
+<p>In het Lal Bagh teruggekeerd, werd ons gezegd, dat de eerste minister terug was en dat hij ons tegen den avond een bezoek
+zou komen brengen. Het was ons een genoegen, persoonlijk kennis met hem te maken en hem onzen dank te betuigen voor de gastvrijheid,
+die wij te Junagadh hadden gevonden.
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure floatRight" style="width: 317px"><img border="0" src="images/p1907-272-2.jpg" alt="Kolossaal beeld van Rishabhdev, den eersten Dsjina." width="317" height="433"><p class="figureHead">Kolossaal beeld van Rishabhdev, den eersten Dsjina.</p>
+</div><p>
+
+
+</p>
+<p>De heer Chunilal Sarabhai heeft een schitterende loopbaan gehad. Hij is uitstekend op de hoogte van den godsdienstigen, financi&euml;elen
+en staatkundigen toestand van de streek, is minister geweest in verscheiden naburige staten, waar men hem in moeilijke omstandigheden
+te hulp riep. Hij is Brahmaan van de kaste der Nagars en geboortig uit Ahmedabad; zijn voorvaderen onderscheidden zich in
+den dienst van de keizers van Delhi, waardoor ze den titel van Hazaret en den post van diwan van Goedsjerat kregen.
+
+</p>
+<p>Het gesprek liep over de meest verschillende onderwerpen, den hongersnood, de besproeiingswerken, de maatschappelijke hervormingen,
+en bij dat gesprek gaf ik mij eerst goed rekenschap van de beteekenis, die voor Indi&euml; moet worden gehecht aan die mannen,
+die langen tijd er de zaken hebben bestuurd en bij wie de engelsche regeering hulp zoekt, als ze de reorganisatie van de toestanden
+ter hand neemt.
+
+</p>
+<p>Het zou onverstandig wezen, in het zoo te&ecirc;re raderwerk der inlandsche staten in te laten grijpen door menschen, die alleen
+een europeesche universitaire opleiding hebben genoten. De groote ministers, zooals de Brahmaan Madhav Rao, die de orde heeft
+hersteld in de staat Baroda; Salar Jung, die een steun in Nizam is geweest, zij hebben succes gehad daar, waar Engelschen
+en verengelschte Indi&euml;rs schipbreuk hebben geleden.
+
+</p>
+<p>Den volgenden dag vertrokken wij naar Palitana, om ons bezoek aan de tempels te voltooien met een tocht naar den berg van
+Sattrunjaya, en na drie dagen, doorgebracht ten huize van Z. H. den takore Masingji, begaven we ons weer terug naar Ahmedabad.
+
+
+
+</p>
+<p></p>
+<div class="figure"><img border="0" src="images/o1907-272.gif" alt="Ornament." width="210" height="9"></div><p>
+
+
+</p>
+<div class="footnotes">
+<hr class="fnsep">
+<p class="footnote"><span class="label"><a id="d0e89" href="#d0e89src" class="noteref">1</a></span> Berg in het Noordwesten van Voor-Indi&euml; op het schiereiland
+Goedsjerat.
+</p>
+</div>
+</div>
+</div>
+<div class="back">
+<div class="transcribernote">
+<h2>Colofon</h2>
+<h3>Beschikbaarheid</h3>
+<p>Dit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het
+kopi&euml;ren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie bij dit eBoek of on-line op <a href="http://www.gutenberg.org/">www.gutenberg.org</a>.
+
+</p>
+<p>Dit eBoek is geproduceerd door Jeroen Hellingman en het on-line gedistribueerd correctie team op <a href="http://www.pgdp.net/">www.pgdp.net</a>.
+
+</p>
+<p lang="en">This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give
+it away or re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included with this eBook or online at <a href="http://www.gutenberg.org/">www.gutenberg.org</a>.
+
+</p>
+<p lang="en">This eBook is produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed Proofreading Team at <a href="http://www.pgdp.net/">www.pgdp.net</a>.
+
+</p>
+<h3>Codering</h3>
+<p>Dit bestand is in een verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren. Afgebroken woorden aan het einde
+van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn gecorrigeerd. Dergelijke correcties zijn
+gemarkeerd met het corr-element.
+
+</p>
+<p>Hoewel in het origineel laag liggende aanhalingstekens openen gebruikt, zijn deze in dit bestand gecodeerd met &#8220;. Geneste
+dubbele aanhalingstekens zijn stilzwijgend veranderd in enkele aanhalingstekens.
+
+</p>
+<h3>Documentgeschiedenis</h3>
+<ol class="lsoff">
+<li>22-AUG-2007 Begonnen.
+
+</li>
+<li>04-NOV-2007 Tweede deel bijgevoegd.
+
+</li>
+</ol>
+<h3>Verbeteringen</h3>
+<p>De volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:</p>
+<table width="75%">
+<tr>
+<th>Plaats</th>
+<th>Bron</th>
+<th>Verbetering</th>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e140">Bladzijde 250</a></td>
+<td width="40%">voltrekken</td>
+<td width="40%">voltrokken</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e257">Bladzijde 255</a></td>
+<td width="40%">Junagabh</td>
+<td width="40%">Junagadh</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e359">Bladzijde 259</a></td>
+<td width="40%">
+[<i>Niet in bron</i>]
+
+</td>
+<td width="40%">.</td>
+</tr>
+<tr>
+<td width="20%"><a href="#d0e667">Bladzijde 271</a></td>
+<td width="40%">rezigers</td>
+<td width="40%">reizigers</td>
+</tr>
+</table>
+</div>
+</div>
+
+
+
+
+
+
+
+<pre>
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's De monumenten van den Girnar, by D. Menant
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE MONUMENTEN VAN DEN GIRNAR ***
+
+***** This file should be named 23341-h.htm or 23341-h.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/2/3/3/4/23341/
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
+
+
+</pre>
+
+</body>
+</html>
diff --git a/23341-h/images/o1907-272.gif b/23341-h/images/o1907-272.gif
new file mode 100644
index 0000000..9095f39
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/o1907-272.gif
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-249-1.jpg b/23341-h/images/p1907-249-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..6efd1cb
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-249-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-249-2.jpg b/23341-h/images/p1907-249-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..5c949f1
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-249-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-252.jpg b/23341-h/images/p1907-252.jpg
new file mode 100644
index 0000000..afcd1b4
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-252.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-253.jpg b/23341-h/images/p1907-253.jpg
new file mode 100644
index 0000000..3eaa633
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-253.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-256.jpg b/23341-h/images/p1907-256.jpg
new file mode 100644
index 0000000..b8cef9a
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-256.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-257.jpg b/23341-h/images/p1907-257.jpg
new file mode 100644
index 0000000..204a985
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-257.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-260-1.jpg b/23341-h/images/p1907-260-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..53d9b86
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-260-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-260-2.jpg b/23341-h/images/p1907-260-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..775509e
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-260-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-261-1.jpg b/23341-h/images/p1907-261-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..3cf181a
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-261-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-261-2.jpg b/23341-h/images/p1907-261-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..aaff650
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-261-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-264.jpg b/23341-h/images/p1907-264.jpg
new file mode 100644
index 0000000..f01e574
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-264.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-265.jpg b/23341-h/images/p1907-265.jpg
new file mode 100644
index 0000000..9792480
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-265.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-268.jpg b/23341-h/images/p1907-268.jpg
new file mode 100644
index 0000000..345e407
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-268.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-269.jpg b/23341-h/images/p1907-269.jpg
new file mode 100644
index 0000000..1ad841d
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-269.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-272-1.jpg b/23341-h/images/p1907-272-1.jpg
new file mode 100644
index 0000000..5200082
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-272-1.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-h/images/p1907-272-2.jpg b/23341-h/images/p1907-272-2.jpg
new file mode 100644
index 0000000..52b116e
--- /dev/null
+++ b/23341-h/images/p1907-272-2.jpg
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p032a.png b/23341-page-images/p032a.png
new file mode 100644
index 0000000..57e6292
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p032a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p032b.png b/23341-page-images/p032b.png
new file mode 100644
index 0000000..4eaf6a1
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p032b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p032c.png b/23341-page-images/p032c.png
new file mode 100644
index 0000000..1b6a722
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p032c.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p033a.png b/23341-page-images/p033a.png
new file mode 100644
index 0000000..781a230
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p033a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p033b.png b/23341-page-images/p033b.png
new file mode 100644
index 0000000..e1af020
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p033b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p034a.png b/23341-page-images/p034a.png
new file mode 100644
index 0000000..66be09c
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p034a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p034b.png b/23341-page-images/p034b.png
new file mode 100644
index 0000000..88816c4
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p034b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p035a.png b/23341-page-images/p035a.png
new file mode 100644
index 0000000..bb20389
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p035a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p035b.png b/23341-page-images/p035b.png
new file mode 100644
index 0000000..ba09e78
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p035b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p036.png b/23341-page-images/p036.png
new file mode 100644
index 0000000..e1ace3b
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p036.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p037a.png b/23341-page-images/p037a.png
new file mode 100644
index 0000000..befd706
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p037a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p037b.png b/23341-page-images/p037b.png
new file mode 100644
index 0000000..43860f0
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p037b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p038a.png b/23341-page-images/p038a.png
new file mode 100644
index 0000000..dc72261
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p038a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p038b.png b/23341-page-images/p038b.png
new file mode 100644
index 0000000..f4702a4
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p038b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p039.png b/23341-page-images/p039.png
new file mode 100644
index 0000000..36fa88d
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p039.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p040a.png b/23341-page-images/p040a.png
new file mode 100644
index 0000000..c3fb257
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p040a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p040b.png b/23341-page-images/p040b.png
new file mode 100644
index 0000000..1df5e3b
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p040b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p041a.png b/23341-page-images/p041a.png
new file mode 100644
index 0000000..fc9f748
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p041a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p041b.png b/23341-page-images/p041b.png
new file mode 100644
index 0000000..89f79a1
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p041b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p042.png b/23341-page-images/p042.png
new file mode 100644
index 0000000..7400079
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p042.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p042b.png b/23341-page-images/p042b.png
new file mode 100644
index 0000000..ceb7e5e
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p042b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p043.png b/23341-page-images/p043.png
new file mode 100644
index 0000000..c6a5cd3
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p043.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p044.png b/23341-page-images/p044.png
new file mode 100644
index 0000000..96c26dc
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p044.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p045a.png b/23341-page-images/p045a.png
new file mode 100644
index 0000000..4fc4005
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p045a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p045b.png b/23341-page-images/p045b.png
new file mode 100644
index 0000000..a756dbc
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p045b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p046.png b/23341-page-images/p046.png
new file mode 100644
index 0000000..0b4cc7f
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p046.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p047.png b/23341-page-images/p047.png
new file mode 100644
index 0000000..97d33aa
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p047.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p048.png b/23341-page-images/p048.png
new file mode 100644
index 0000000..8c7b300
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p048.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p137a.png b/23341-page-images/p137a.png
new file mode 100644
index 0000000..17fb55e
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p137a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p137b.png b/23341-page-images/p137b.png
new file mode 100644
index 0000000..3abeb01
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p137b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p138a.png b/23341-page-images/p138a.png
new file mode 100644
index 0000000..f5ae893
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p138a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p138b.png b/23341-page-images/p138b.png
new file mode 100644
index 0000000..10ee2ed
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p138b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p139a.png b/23341-page-images/p139a.png
new file mode 100644
index 0000000..c18199e
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p139a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p139b.png b/23341-page-images/p139b.png
new file mode 100644
index 0000000..7f674e3
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p139b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p140.png b/23341-page-images/p140.png
new file mode 100644
index 0000000..4605d7d
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p140.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p141.png b/23341-page-images/p141.png
new file mode 100644
index 0000000..0500519
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p141.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p142a.png b/23341-page-images/p142a.png
new file mode 100644
index 0000000..921ec4a
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p142a.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p142b.png b/23341-page-images/p142b.png
new file mode 100644
index 0000000..45a33a5
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p142b.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p143.png b/23341-page-images/p143.png
new file mode 100644
index 0000000..d95ab43
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p143.png
Binary files differ
diff --git a/23341-page-images/p144.png b/23341-page-images/p144.png
new file mode 100644
index 0000000..945d939
--- /dev/null
+++ b/23341-page-images/p144.png
Binary files differ
diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt
new file mode 100644
index 0000000..6312041
--- /dev/null
+++ b/LICENSE.txt
@@ -0,0 +1,11 @@
+This eBook, including all associated images, markup, improvements,
+metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be
+in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES.
+
+Procedures for determining public domain status are described in
+the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org.
+
+No investigation has been made concerning possible copyrights in
+jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize
+this eBook outside of the United States should confirm copyright
+status under the laws that apply to them.
diff --git a/README.md b/README.md
new file mode 100644
index 0000000..9aeace8
--- /dev/null
+++ b/README.md
@@ -0,0 +1,2 @@
+Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for
+eBook #23341 (https://www.gutenberg.org/ebooks/23341)