summaryrefslogtreecommitdiff
path: root/old
diff options
context:
space:
mode:
authorRoger Frank <rfrank@pglaf.org>2025-10-15 04:53:06 -0700
committerRoger Frank <rfrank@pglaf.org>2025-10-15 04:53:06 -0700
commit647e462d50d95a1e295184588ce881e64ece3e74 (patch)
tree72956a80323740350d410f50e8e133ec0657bd1f /old
initial commit of ebook 18339HEADmain
Diffstat (limited to 'old')
-rw-r--r--old/2006-05-07-18339-8.txt5886
-rw-r--r--old/2006-05-07-18339-8.zipbin0 -> 134229 bytes
-rw-r--r--old/2006-05-07-18339-h.zipbin0 -> 5015492 bytes
3 files changed, 5886 insertions, 0 deletions
diff --git a/old/2006-05-07-18339-8.txt b/old/2006-05-07-18339-8.txt
new file mode 100644
index 0000000..85638a1
--- /dev/null
+++ b/old/2006-05-07-18339-8.txt
@@ -0,0 +1,5886 @@
+The Project Gutenberg EBook of Het Vrije Rusland, by William Hepworth Dixon
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Het Vrije Rusland
+ De Aarde en haar Volken, 1873
+
+Author: William Hepworth Dixon
+
+Release Date: May 7, 2006 [EBook #18339]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HET VRIJE RUSLAND ***
+
+
+
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+ HET VRIJE RUSLAND.
+
+
+
+De schetsen, die wij onzen lezers onder dezen titel aanbieden, zijn
+ontleend aan het voor een paar jaren verschenen boek van den met lof
+bekenden engelschen schrijver, William Hepworth Dixon, _Free Russia_,
+het vrije Rusland, genaamd: welk werk door het beschaafde publiek
+in Engeland en ook elders met grooten en welverdienden bijval is
+ontvangen. De titel mag eenigszins zonderling schijnen: hooren wij
+wat de schrijver zelf aanvoert om deze zijne keuze te rechtvaardigen.
+
+"_Swobodnaya Rossia_ (het vrije Rusland)--zoo zegt hij--is eene
+uitdrukking, die in geheel dat groote land leeft in aller mond;
+deze twee woorden geven het karakter aan en drukken tevens de hoop
+uit van het nieuwe rijk, dat tijdens den Krimoorlog in het leven
+is getreden. In vroeger tijd was ook Rusland vrij, niet minder dan
+Duitschland en Frankrijk. Later werd het overstroomd door aziatische
+horden; en sedert dien tijd handhaafde zich het tartaarsche element,
+indien al niet in het wezen, dan toch wel in den vorm, tot aan den
+oorlog van 1853; maar sedert den uitgang dier worsteling onderging het
+oude Rusland eene herschepping. Deze nieuwe natie, die het behoud van
+den vrede wenscht, en die vrij wil zijn:--deze is het, die ik vooral
+gepoogd heb te schilderen."
+
+Het behoeft nauwelijks herinnering, dat de engelsche schrijver met
+het feit, hetwelk zoo noodlottige gevolgen heeft na zich gesleept,
+en aan de vrijheid van Rusland een einde gemaakt, den inval der
+Mongolen bedoelt, die omstreeks de helft der dertiende eeuw het
+grootste gedeelte van het toenmalige russische rijk veroverden, en
+aan zich onderwierpen. Deze tartaarsche heerschappij duurde ruim twee
+eeuwen, en heeft zeer zeker in het russische volkskarakter, en vooral
+in de maatschappelijke en staatkundige instellingen, zeer diepe sporen
+achtergelaten. Uit dien tijd dagteekent, bijvoorbeeld, de invoering
+der lijfeigenschap; evenzoo is het aan geen twijfel onderhevig, of
+deze mongoolsche overheersching heeft aan geheel het leven van den
+russisch-slavischen volksstam dat eigenaardig oostersch, aziatisch
+karakter gegeven, dat Peter de Groote met forsch geweld heeft gepoogd
+uit te roeien, maar dat toch ook nu nog eene zoo scherpe lijn trekt
+tusschen Rusland en de volkeren van westelijk Europa. Volgens onzen
+schrijver zou nu de Krimoorlog, in zijne gevolgen, den machtigen stoot
+hebben gegeven, die het in aziatische barbaarschheid half verzonken
+russische rijk weder tot nieuw en hooger leven heeft opgewekt. Wat
+hiervan moge zijn, volgaarne luisteren wij naar de altijd belangrijke
+mededeelingen van den heer Hepworth Dixon: bovenal waar het een land
+geldt, dat, zoo ons niet alles bedriegt, geroepen is, binnen een niet
+te lang tijdsverloop, eene groote, wellicht voor eeuwen beslissende
+rol in de wereldgeschiedenis te spelen.
+
+
+
+I.
+
+HET HOOGE NOORDEN.
+
+
+"De Witte-zee!" riep, met een luiden lach, onze deensche gezagvoerder,
+terwijl hij zijn dunnen rossigen knevel opstreek;--"de Witte-zee! een
+mooie naam, inderdaad, voor eene zee, die er uitziet als engelsch
+bier! De bedding moge wit zijn, want die is bezaaid met de beenderen
+der schipbreukelingen;--maar het water is het nooit, tenzij dan dat
+het bevroren en met sneeuw bedekt is. Neen, dan hebben de matrozen
+en de zeehondenvisschers een beteren naam bedacht: zij noemen haar
+de IJszee."
+
+Na de Noordkaap--eene lichtgrijze, fantastisch gevormde, sombere
+rotsmassa, die ver in de schuimende golven der Poolzee uitsteekt,--te
+zijn omgevaren, stevenen wij zuidoostwaarts, onophoudelijk gedurende
+twee verschrikkelijke dagen geteisterd door wind, hagel en regen. In
+al dien tijd zagen wij niets van de zon: wel bespeurden wij omstreeks
+middernacht een flauw schijnsel, dat aan den morgenstond deed denken:
+maar op den middag was het weder dezelfde onbestemde schemering,
+juist even voldoende om de omringende duisternis zichtbaar te maken.
+
+De schilderachtige, overal door baaien en inhammen afgebroken en met
+hooge bergen geteekende kust, die wij tot dusver volgden, ligt achter
+ons: wij zeilen nu langs een vlak, eentonig, somber, ongebroken strand,
+bijna altijd in een dichten nevelsluier gehuld, die ons slechts nu en
+dan een blik op de akelige, levenlooze streek gunt. Na eene vervelende
+vaart van ongeveer vijftig uren, komen wij eindelijk aan een laag
+land, dat, half in den nevel verloren, zich verre weg naar het zuiden
+uitstrekt, niet ongelijk aan eene grauwe wolkenlaag. Wij varen tusschen
+kaap Kanin en de zoogenaamde Heilige-kaap, _Swioetoi-Noss_, door, en
+stevenen vervolgens het ongeveer dertig mijlen breede kanaal binnen,
+dat van de Poolzee naar de ruime en grillig gevormde binnenzee voert,
+onder den naam van de Witte- of IJszee bekend.
+
+De kust aan onze rechterhand is die van Lapland: een treurig, akelig
+land, waar men niets ziet dan sombere, doodsche meren en poelen,
+en naakte, grijze duinen, door een grauwen hemel overwelfd. Hier
+en daar zetten enkele jagers, te midden dezer eenzame wildernissen,
+het schrale wild na; ettelijke visschers werpen hunne netten in de
+naargeestige wateren. Deze lieden zijn onderdanen van den Tsaar en
+leden der orthodoxe kerk: maar zij spreken eene taal, die in het
+Winterpaleis bezwaarlijk verstaan zou worden; en zij hebben zekere
+godsdienstige ceremoniën en gebruiken bewaard, waaraan de heilige
+Synode hare goedkeuring nog niet gehecht heeft.
+
+Lapland is ééne groote wildernis van reusachtige rotsen, en diepe en
+donkere poelen en moerassen; hier en daar kronkelt zich daartusschen
+eene smalle vallei, langs wier hellingen die schrale mosplanten
+groeien, waarmede zich de rendieren voeden. Groepen van pijn- en
+berkeboomen brengen nu en dan in dit sombere landschap een weinig
+afwisseling; maar in deze koude luchtstreek tiert geen graan,
+en de bewoners moeten van de opbrengst hunner jacht en visscherij
+leven. Hunne eenige weelde, het roggebrood, moet te water uit Onega
+en Archangel worden aangevoerd: deze steden zelf ontvangen dit
+brood uit de zuidelijker provinciën. De Laplanders zijn nomaden;
+zij brengen den eindeloozen winter door in hutten, die zij zoo
+goed mogelijk inrichten; gedurende den vluchtigen zomer vertoeven
+zij in tenten. De piramidaalvormige hutten worden uit ruw behouwen
+boomstammen opgetrokken; eene dikke laag van mos belet het doordringen
+van het ijskoude water. Hunne tenten deden mij denken aan die der
+Comanches-Indianen: zij bestaan uit aaneengenaaide rendiervellen,
+die over een paal gespannen worden; eene opening van boven dient om
+den rook door te laten.
+
+Naar gelang van het jaargetijde, verplaatst de Laplander zijne woning
+van de eene plek naar de andere; nu eens laat hij zijne rendieren langs
+de hellingen der heuvelen grazen; dan weder tracht hij de visschen
+in de rivieren en langs de kusten te verschalken; des zomers zwerft
+hij door het binnenland, om mossen op te zoeken; in den winter trekt
+hij naar het strand, om zeehonden en kabeljauw te vangen. De mannen
+weten evengoed om te gaan met de lans, het oude nationale wapen, als
+met het geweer, dat zij in later tijd van vreemde kolonisten hebben
+overgenomen. De vrouwen, die er met hare broeken van zeehondenvel en
+hare jassen van rendierenvel alles behalve bevallig uitzien, zijn
+meest allen in allerlei tooverkunsten ervaren. In alle noordsche
+landen gewaagt men niet dan met schrik van die afschuwelijke heksen,
+die, naar de boeren meenen, altijd een of anderen boozen geest tot
+hare beschikking hebben. Eene Laplandsche leest in de toekomst,
+en voorspelt wat de komende dag brengen zal. Zij heeft de macht om
+iemand te betooveren of met kwalen en ziekten te bezoeken; zij kan
+zich naar goedvinden in de lucht verheffen, en de schepen doen zinken,
+die op den verren oceaan met de golven worstelen.
+
+Aan onze linkerhand hebben wij het schiereiland Kanin, dat mede
+deel uitmaakt van de woeste, dorre landstreek, waar de Samojeden hun
+zwervend leger opslaan: eene akelige ijswoestijn, nog verschrikkelijker
+dan de wildernissen, waarin de Laplander het wild vervolgt. Deze
+provincie van het groote rijk heeft noch dorpen, noch wegen, noch
+akkers; zij heeft zelfs geen eigen naam, want de Russen noemen haar
+nooit anders dan bet land der Samojeden. Zij strekt zich noord- en
+oostwaarts uit, van de muren van Archangel en de kust van kaap Kanin,
+tot aan de toppen van het Oural-gebergte en de IJzeren poorten van den
+zeeboezem van Kara. In hare dalen en kloven smelt de sneeuw nooit; en
+hare kusten, die eene lengte van ongeveer zevenhonderd mijlen beslaan,
+zijn gedurende acht maanden van het jaar ongenaakbaar door onafzienbare
+ijsmassa's. In Juni, wanneer de winter voor korte oogenblikken wijkt,
+bekleeden zich de hellingen van enkele gunstig gelegen valleien
+met mossen, waarvan het doffe, sombere groen, hier en daar, scherp
+afsteekt tegen het eentonige bruin der naakte rotsen en het grauwe
+lijkkleed van vuile sneeuw. Met deze kostbare mossen voedt zich het
+rendier, het kameel der poollanden, dat in deze onherbergzame oorden
+het leven voor de menschen voor 't minst mogelijk maakt.
+
+Het woord Samojeed beteekent kannibaal, menscheneter: althans zoo zegt
+de taalwetenschap. De Samojeden zouden dus antropophagen zijn. Maar ook
+deze wetenschap is niet onfeilbaar: en om eene dergelijke uitspraak
+te staven, zijn er duchtige bewijzen noodig, meer afdoende dan
+tot dusver zijn aangevoerd: er blijft dus nog ruimte voor verdere
+onderzoekingen. De Samojeden koken hunne spijzen niet; het is mij
+onbekend, of zij menschenvleesch eten; wel weet ik dat zij het
+vleesch der rendieren rauw verslinden. Hunne jacht- en zwerftochten
+steeds verder uitstrekkende, zijn de Samojeden, aanvankelijk in het
+hooge noorden van Azië gevestigd, het Oural-gebergte overgetrokken,
+en hebben zich in de landstreken tot nabij kaap Kanin verspreid:
+een land, zoo koud, zoo ruw en zoo dor, dat waarschijnlijk geen
+ander menschenras het daar zou kunnen uithouden. Daar vonden hen
+de Zarayny, die hen hebben overwonnen en in een toestand gebracht,
+zeer nabij aan de slavernij grenzende.
+
+Deze Zarayny, een dapper en verstandig volk, schijnen, wat afstamming
+en taal betreft, het naast aan de Finnen verwant; waarschijnlijk
+zijn zij de overblijfselen eener aloude volkplanting van _trappers_
+of jagers. Zoowel door gestalte en voorkomen als door aanleg en
+ontwikkeling, munten zij boven de Samojeden uit; evenals de Russen,
+bouwen zij zich houten hutten, en bezitten talrijke kudden rendieren,
+waarvan de bewaking aan het overwonnen volk wordt opgedragen. Deze
+onderwerping aan een meer begaafd en ontwikkeld ras is voor den
+Samojeed de natuurlijke voorbereiding tot een hooger trap van
+beschaving; hij leert het menschelijk leven ontzien en eerbiedigen,
+de rechten van den eigendom erkennen en waardeeren. Een amerikaansche
+Roodhuid leeft van de buffeljacht; hij doodt veel meer dieren
+dan hij voor zijne behoefte noodig heeft, louter uit zucht om
+te dooden en de vernielen. De Samojeden zouden evenzoo handelen:
+maar de Zarayny hebben hun geleerd, het zoo onontbeerlijke dier,
+zonder hetwelk de mensch hier niet leven kan, te vangen, te temmen
+en als huisdier te gebruiken. Als een echte wilde, maar weinig hooger
+staande dan de Pawnie van Noord-Amerika, bouwt de Samojeed zich geene
+vaste woning; hij weet niets van landbouw, en heeft ook geen begrip
+van grondeigendom. Even als de Laplander, woont hij in eene hoogst
+eenvoudige tent, die, vooral van binnen, dadelijk aan een indiaanschen
+wigwam denken doet: want zij bevat niets dan eenige huiden, waarop
+de bewoners plaats nemen. In deze tenten zoudt ge vruchteloos naar
+eenig spoor van kunstvaardigheid zoeken; zelfs de ruwe teekeningen,
+waarmede enkele indiaansche stammen hunne armelijke woningen opsieren,
+ontbreken hier. Toch heeft de Samojeed eenige, het is waar zeer
+onbestemde, denkbeelden en voorstellingen van maatschappelijk leven,
+zelfs van eene regeering. Eene groep van een zeker aantal woningen
+draagt den naam van _choum_; aan het hoofd van iederen choum staat
+een _chaman_, een soort van geestelijk opperhoofd.
+
+De tegenwoordige keizer heeft eenige priesters naar deze stammen
+afgezonden, zooals weleer Marfa Boretski zijne popen en monniken naar
+Lapland en Karelië zond, in de hoop de onbeschaafde heidensche inwoners
+tot het Christendom te bekeeren. Men zou zoo gaarne willen gelooven,
+dat deze zendelingen inderdaad nut stichten en eenige vrucht op hun
+arbeid zien: maar de Russen, die van nabij met het land en zijne
+bewoners bekend zijn, halen glimlachend de schouders op, als men hen
+spreekt over de orthodoxe propaganda langs de kusten van de golf van
+Obi en de zee van Kara. Uit eigen ervaring kan ik hieromtrent geen
+oordeel vellen; het toeval heeft mij echter in aanraking gebracht met
+een dier grieksche priesters, die, waarschijnlijk wanhopende aan de
+mogelijkheid om het volk tot zich op te heffen, mooi op weg was om
+zelf tot het peil zijner onwillige hoorders af te dalen. Hoewel hij
+nog altijd den titel van pope bleef voeren, leefde hij als een chaman;
+hij had de kleeding van zulk een samojeedsch opperhoofd aangenomen,
+en met elken dag naderde hij in zijn gang, manieren en voorkomen,
+meer en meer tot de mongoolsche type. Men beweerde zelfs, dat hij
+zijne tent met eene inlandsche tooverkol deelde.
+
+Deze volksstammen bewaken de grenzen van het rijk der Tsaren;
+hunne naakte rotsen en wilde bergen zijn als het ware de voorhof van
+Groot-Rusland, dat aloude vaderland der Russen van echten ouden stam,
+welks velden en vlakten en bosschen nooit hebben weergalmd van den
+hoefslag der tartaarsche ruiters.
+
+Waarom, vraagt iemand wellicht, dus door het uiterste noorden
+Rusland binnen getreden? Mijn waarde lezer, ik had daarvoor mijne
+goede redenen. Stel eens dat de Groot-mogol in de zeventiende eeuw
+Engeland veroverd had; dat de aziatische denkbeelden en gewoonten,
+gedurende meer dan twee eeuwen, te Londen den toon hadden gegeven;
+dat ons Brittanje, eindelijk het juk afwerpende, zijne burgerlijke
+zelfstandigheid, zijne overoude vrijheden, instellingen en rechten
+had herwonnen:--welk land denkt gij dan, dat een vreemdeling, die het
+echte engelsche karakter zou willen bestudeeren, in de eerste plaats
+zou bezoeken? Zou hij niet zijne schreden naar Amerika richten,
+om daar, in Massachusetts, een zuivere type te vinden, door geen
+vreemde oostersche invloeden verbasterd? Eerst later zou hij de daar
+aangevangen studiën willen voltooien door een bezoek aan de boorden
+van den Theems en de Mersey.
+
+Evenzoo moet de reiziger, die zich eene juiste voorstelling wil
+vormen van het vrije Rusland der toekomst, waaraan de Krimoorlog het
+leven gegeven heeft, zijne waarnemingen beginnen in de noordelijke
+provinciën: want alleen in dit land van wouden en meren en moerassen
+vindt hij een tak van den grooten slavischen stam, die nimmer voor
+een vreemden heerscher gebogen heeft, en nooit, door de aanraking met
+andere nationaliteiten, van zijne voorvaderlijke zeden en levenswijze
+is afgetrokken.
+
+De landstreek tusschen Perm en Onega, die eene oppervlakte beslaat
+van zevenmaal de uitgestrektheid van Frankrijk, werd door kolonisten
+uit Nishny-Nowgorod bevolkt en ontgonnen, ten tijde toen deze
+groote stad nog in het genot harer volle zelfstandigheid was,
+rijk door haar handel, beroemd door haar kunstliefde en haar
+godsdienstzin, de mededingster van Frankfort en Florence, evenals
+Londen en Brugge, lid van het machtige verbond der Hansa. De aldus
+gestichte koloniën handhaafden en verdedigden eeuwen lang hare aloude
+rechten en vrijheden; zij weerden zoowel den duitschen invloed als de
+overheersching der Tartaren af, en bewaarden het nationale karakter
+in al zijne zuiverheid, vrij van alle vreemde bijmengselen. "Nooit,"
+zeide mij, met blijkbare fierheid, een pachter van Archangel, "nooit
+hebben wij onder ons edelen of slaven gekend." In alle opzichten,
+zoowel ten goede als ten kwade, zijn zij aan hunne oude levenswijze
+en zeden getrouw gebleven; en toen de Tsaar Godonoff, ten jare 1601,
+de aartsvaderlijke inrichting van het dorps- en gemeentewezen naar het
+tartaarsche model wilde vervormen, boden zij een even hardnekkigen
+weerstand, als toen, zes-en-zestig jaren later, de patriarch Nikon
+in de eeredienst veranderingen wilde invoeren, die meer met den
+byzantijnschen geest dan met de oud-russische traditie strookten.
+
+Deze vrije kolonisten, niet wijkende voor den aandrang van wereldlijke
+en geestelijke machthebbers, weigerden standvastig hun ouden ritus
+te verruilen voor de officiëele liturgie, die men hun opdringen
+wilde. Zij behielden hunne taal, hoewel de hoofdstad die verworpen
+had; en eindelijk, toen de bestemde tijd vervuld was, schonken zij
+aan de wereld een groot dichter, Michael Lomonosoff, die, in eene
+boerenhut geboren, der vernederde en vergeten taal een nieuwen
+luister schonk, en haar de heerschappij verzekerde in de school,
+in de regeeringscollegiën en zelfs aan het hof.
+
+
+
+
+II.
+
+DE WITTE-ZEE.
+
+
+Wij varen om kaap Intzy, en laten achter ons de nauwe zeeëngten,
+die Lapland van het land der Samojeden scheiden: de Witte-zee opent
+zich voor ons.
+
+Deze zee, ruim tweemaal zoo groot als het uitgestrektste meer der
+Vereenigde Staten, het Lake Superior, herinnert door hare gedaante
+eenigermate aan het meer van Como: ten noordwesten dringt zij met
+eene smalle baai, de golf van Kandalask, diep in Lapland door; ten
+zuiden splitst zij zich wederom in twee baaien, door eene breede
+zandvlakte gescheiden, waarvan de armzalige bewoners van visscherij
+en zeehondenvangst leven. Naar de rivieren, die zich in deze baaien
+uitstorten, voert de eene den naam van golf van Onega, de andere
+dien van golf van Dwina of van Archangel: welke laatste naam meer
+algemeen is. Aan de monden dezer rivieren liggen de beide koopsteden
+Onega en Archangel.
+
+De Witte-zee is over het algemeen zeer diep: aan den ingang schat
+men de diepte op tachtig vademen; nabij de golf van Kandalask wijst
+het peillood niet minder dan honderd-zestig vademen aan; toch is
+het strand doorgaans noch hoog, noch steil. De golf van Onega is met
+rotsen en eilanden bezaaid, waarvan de meesten echter niet veel meer
+zijn dan zandbanken, die haar ontstaan danken aan het slib, dat de
+golven van de vlakten van Kargopol medevoeren. Aan den ingang der
+golf, tusschen kaap Orlow en de stad Kem, ligt eene groep van meer
+belangrijke eilanden, zooals Solowetsk Anzersk, Moksalma en anderen,
+aan wier namen zich veelvuldige legenden en herinneringen uit de
+vroegere en latere geschiedenis van Rusland hechten.
+
+Solowetsk, het aanzienlijkste eiland van dezen kleinen archipel, boogt
+op zijn beroemd klooster, nog geheel vervuld met de herinnering aan
+Sint-Servatius en Sint-Zosimus; zijne muren herbergden ook eenmaal
+den heiligen Filippus. Dit klooster bezit hoogvereerde relieken,
+waaraan monarchen en bedelaars om strijd hulde komen bewijzen; in zijne
+ruime gangen en hoven dwaalt het ontzaggelijke spooksel om, waarvan
+de gedachte alleen den kozak in zijne tent, en den kabeljauwvisscher
+in zijne schuit, eene siddering door de leden jaagt. Dit klooster was
+het tooneel van een aantal merkwaardige gebeurtenissen, en zelfs van
+wonderen, door de poëzie en de schilderkunst verheerlijkt.
+
+Nabij den mond van de Dwina verheft zich de voor korten tijd gebouwde
+vuurtoren, die tachtig voet boven de zee oprijst; maar de nevel
+is meestal zoo dicht, dat het bijkans onmogelijk is den toren te
+zien. Wij krijgen hier een loods aan boord; zijn gelaat, door zware
+lokken omgolfd, drukt zachtheid en geduldige lijdzaamheid uit. Op
+een nederigen, half vreesachtigen toon, als duchtte hij dat zijn
+raad kwalijk zou worden opgenomen en hij zelf mishandeld, deelde hij
+ons mede, dat het aan den mond der rivier laag water was, en dat wij
+verplicht zouden zijn den vloed af te wachten.
+
+"Wachten!" roept onze kapitein; "neen, dat nooit! Help ons liever
+een handje, dan zullen wij er wel doorkomen."
+
+Juist breekt de zon door de nevelen heen; maar de zwarte wolken hangen
+laag en dreigend; ieder gevoelt dat een stormvlaag op handen is. Dicht
+bij den mond liggen twee booten, de _Thera_ en de _Olga_, die als
+beschonkenen heen en weder slingeren; toch geeft de russische loods
+glimlachend toe; de machine werkt met halve kracht, en wij stevenen
+naar de rij van zwarte en witte bakens, die voor ons op de golven
+dobberen. Weldra laten wij de _Thera_ en de _Olga_ achter ons, die,
+terwijl wij voorbij stoomen, nog heviger slingeren en schudden, en
+waarvan de zeilen rusteloos beven, als een door de koorts gefolterde
+kranke. Een half uur later varen wij tusschen de tonnen door: wij
+zijn in de buitenhaven.
+
+Evenals de meeste groote rivieren, heeft ook de Dwina aan haar mond een
+delta van eilandjes en banken gevormd, waartusschen hare wateren naar
+zee vloeien. Geen enkel dezer kanalen kan aanspraak maken op den naam
+van eigenlijken hoofdtak der rivier; want de Dwina, nog grilliger dan
+de zee, is aan voortdurende veranderingen onderhevig. Een stoomboot,
+die in Augustus door een breeden arm naar zee is gestevend, zal,
+in Juni van het volgende jaar terugkomende, dien weg soms bijkans
+gesloten vinden en een anderen doortocht moeten zoeken. Volgens oude
+kaarten bevond zich de voornaamste monding niet ver van het klooster
+Sint-Nikolaas; later had zij zich nabij het eiland Rosa verplaatst;
+eindelijk liep zij voorbij de batterijen van het fort Dwina. Maar
+twee zomers achtereen woedden er geweldige stormen in de poolzeeën,
+die den loop der stroomen en de ligging der banken veranderden:
+de bestaande riviermond werd verstopt. De haven-politie zag de ramp
+aan--en bleef werkeloos. Wat kon zij ook doen? dit geval was in hare
+instructie niet voorzien. Misschien zou Archangel voor immer van
+zijne gemeenschap met de zee, waaraan het zijn welvaart dankt, zijn
+verstoken geworden, indien niet een deensch koopman aan de vreemde
+handelshuizen had voorgesteld, een stoomboot te huren, en te beproeven
+of er voor hunne schepen geen andere weg naar zee te vinden was. "Het
+water in de rivier zakt, zeide hij: dus moet het zich een doortocht
+naar zee hebben gebaand. Laat ons dien opzoeken." De noodige gelden
+werden bijeengebracht; de boot voer de rivier af, en bracht de blijde
+tijding, dat in een der armen, dien van Maimaks, voldoende diepte
+werd aangetroffen om de grootste schepen te kunnen doorlaten. Zoo
+scheen dan het bezwaar opgeheven, de gemeenschap tusschen de stad
+en de zee was weder hersteld, en de inwoners verheugden zich reeds
+over de gewichtige dienst, aan hun handel bewezen. Maar zij hadden
+buiten den waard, dat is buiten de havendirectie gerekend. Nog nooit
+was een schip van Archangel door dien rivierarm naar zee gegaan;
+voor dien waterweg was geen reglement vastgesteld; en de politie kon
+toch niet toelaten, dat een schip, zonder reglement, langs dien weg
+uitliep! Vergeefs waren alle verzoeken en protesten der kooplieden:
+de politie was onverbiddelijk; de scheepvaart stond stil; de rijk
+geladen schepen konden in de haven blijven liggen, omdat in de
+reglementen geen melding werd gemaakt van dien nieuwen mond.
+
+Men richtte een adres aan den gouverneur van Archangel, prins Gragarin:
+maar hoewel hij hartelijk lachte om de bespottelijke bekrompenheid
+der havendirectie, liet hij toch de zaak zooals zij was: ook hij had
+omtrent dit punt geene instructie, en zijn persoonlijk belang was
+er niet bij betrokken. De directeur der douane, Gospadin Sredine,
+wilde er, zoo mogelijk, een eind aan maken, en bood aan, op eigen
+gezag, voor den nieuwen waterweg ontvangers te benoemen en kantoren
+te vestigen; maar de politie was..... de politie. Eindelijk, nadat
+eenige weken met dit gehaspel vermorst waren, zonden de kooplieden en
+reeders een smeekschrift naar Petersburg, en zoo kwam de zaak Keizer
+Alexander ter oore. Deze maakte er dadelijk een einde aan, zeggende:
+"Het spreekt van zelf, dat de schepen een nieuwen weg naar zee moeten
+volgen, als de oude onbruikbaar is geworden."
+
+De Witte-zee zou bijna den naam van de moorddadige verdienen: zij
+is een groot graf. Zelfs de lieden, voor wie stormen en schipbreuken
+zich oplossen in eene reeks cijfers en vergelijkende tabellen--zooveel
+schepen door de ijsschotsen verbrijzeld, zooveel gezonken, zooveel
+menschen verongelukt of vermist, dat is zooveel percent van het geheel;
+zelfs de statistici, voor wie de menschen geene andere bestemming
+schijnen te hebben dan om in kabbalistische tabellen en vervelende
+rapporten te figureeren; zelfs zij zouden wellicht nog een ander
+gevoel niet geheel kunnen onderdrukken, wanneer de sombere geschiedenis
+dezer akelige zee voor hen werd ontrold. Wat vreeselijke worstelingen,
+wat zielverscheurende angsten en smarten heeft zij niet aanschouwd;
+welke onuitsprekelijke klachten en jammerkreten hebben daar niet
+weerklonken over die doodsche, grauwe wateren, door dien duisteren
+nevelsluier, als eene lijkwade over de golven verspreid: klachten
+en jammerkreten, door geen menschelijk oor vernomen, wegstervende
+in het loeien van den storm, het brullen der golven, het donderend
+kraken der ijsbergen! Eenige jaren geleden, waren meer dan honderd
+schepen op eenmaal in het ijs geklemd: schepen van allerlei afmeting
+en soort, en van verschillende landen afkomstig: zweedsche, deensche,
+hollandsche, engelsche. De engelsche consul te Archangel, van den
+toestand onderricht, telegrafeerde om hulp naar Engeland. Weinige
+dagen later, den 12den Juli, vertrokken twee stoombooten van Londen,
+om de ingesloten schepen en hunne bemanning te redden. Veertien
+dagen na haar vertrek, verschenen de beide booten in de Witte-zee,
+en begonnen zij haar zwaren en moeilijken arbeid.
+
+De talrijke vloot was de havens van de Dwina uitgezeild, zoodra de
+tijding was gekomen dat het ijs in de golf begon te smelten; maar toen
+de schepen den zoogenaamden Gorgel--het kanaal dat de Witte-zee met
+de Poolzee verbindt--waren binnengeloopen, keerde de wind plotseling
+van het noorden naar het zuiden; in een oogenblik zagen de schepen
+zich nu van alle zijden omringd en ingesloten door ijsschotsen, die
+met geweld tegen elkander botsten. Met groote moeite en de uiterste
+voorzichtigheid bereikte de vloot, zonder hinder, kaap Kanin; maar
+nu strekte zich voor haar eene hooge en zware ijsmassa uit; het was
+volstrekt onmogelijk, verder door te dringen: de schepen kraakten en
+zuchtten en trilden bij den herhaalden schok der drijvende schotsen
+en ijsbergen. Tot overmaat van ramp, draaide de wind weder naar
+het noorden, en dreef nu drie dagen achtereen de ijsschotsen naar de
+zee-engten; de schepen werden achteruit geworpen, en de doortocht naar
+de open zee hun geheel versperd. Vruchteloos worstelden zij tegen
+den geweldigen stroom, die hen naar de rotsige kusten van Lapland
+heenvoerde, waar zij weldra door een onverbreekbaren muur van ijs
+waren ingesloten.
+
+Nu werd de akelige stilte dezer doodsche wateren telkens afgebroken
+door het luide gekraak der schepen, wier kiel tusschen de opdringende
+schotsen verbrijzeld werd, als een glas tusschen de vuist van een
+reus. Ging een schip te gronde, dan sprongen de matrozen op het ijs, en
+redden zich aan boord van het naastbij gelegen vaartuig: misschien om
+eenige uren later nogmaals te verhuizen. Soms leden dezelfde matrozen,
+op eenen dag, vijf of zesmaal schipbreuk, wanneer de bodems, waarop
+zij eene toevlucht hadden gezocht, plotseling onder hunne voeten
+wegzonken.--Toen de twee stoombooten hare taak hadden volbracht,
+werd de volgende opgave aan het ministerie van koophandel gezonden:
+
+"Het getal schepen, die door de bemanning moesten verlaten worden,
+bedroeg vier-en-zestig; veertien schepen waren gered; de vijftig
+anderen waren gezonken. Onder deze laatsten waren er achttien, in
+Engeland gebouwd en door Engelschen bemand."
+
+
+
+
+III.
+
+DE DWINA.
+
+
+De lage en vlakke oevers, met een weelderigen plantengroei bedekt,
+de vele groene eilanden in den mond der Dwina verspreid, herinneren
+aan den Missouri: maar het slib van de Dwina is minder vruchtbaar dan
+dat, hetwelk de amerikaansche rivier met hare wateren aanvoert. Hier
+prijken de eilanden alleen met gras en laag geboomte. Ginds, op
+het vaste land, strekt zich, zoover men zien kan, een bosch van
+eeuwenheugende pijnboomen uit.
+
+Het lage vlakke eiland, dat men, bij het invaren der monding,
+ter rechterhand laat liggen, heet Sint-Nikolaas, ter eere van
+den priester, die, in heiligen geloofsijver ontvlamd, maar men
+verhaalt, op het concilie te Nicea, den ketter Arius een slag in het
+aangezicht gaf. Niemand weet waar deze Nikolaas eigenlijk geleefd
+heeft en gestorven is; ook maakt de geschiedenis geene melding van
+zijne tegenwoordigheid op het eerste concilie van Nicea. Volgens de
+overlevering zou hij te Liki geboren zijn, en te Mira hebben gewoond:
+van daar de bijnaam van den heilige van Mirliki; maar geen enkele regel
+schrifts van hem is tot ons gekomen, en hetgeen men van hem verhaalt
+is dikwijls in onderlinge tegenspraak. Dit alles belet evenwel niet,
+dat Nikolaas een zeer populaire heilige is, die bij het volk hoog
+staat aangeschreven. Hij is de patroon der edelen, der kinderen,
+der matrozen, der bedevaartgangers; de troost en hulp der armen,
+der verdrukten en zwervelingen. In deze noordsche wildernissen wordt
+zijn naam door allen aangeroepen, vindt men zijn beeld in elke hut;
+maar nergens misschien wordt hij ijveriger en vuriger vereerd dan
+langs de kusten der Witte-zee. Met welk eene vrome blijdschap en
+innige zelfvoldoening leest de arme visscher dezer stranden in zijn
+_Levens der Heiligen_ (voor hem Bijbel, heldendicht, geschied- en
+wetboek tevens), dat Nikolaas de machtigste is van alle heiligen,
+die in den hemel wonen; dat hij aan de rechterhand Gods is gezeten,
+en het bevel voert over een leger van driehonderd engelen, die,
+met het zwaard in de vuist, gereed staan op zijn wenken te vliegen!
+
+Een moujik (boer) vroeg eens aan een mijner vrienden, wie God zou
+worden, wanneer God kwam te sterven.
+
+"Mijn goede vriend", antwoordde de Engelschman met een glimlach,
+"God zal nooit sterven."
+
+De boer stond een oogenblik versuft, en herhaalde hoofdschuddend:
+"Hij zal nooit sterven!"--Toen, zich eensklaps herstellende, als ware
+hem plotseling een licht opgegaan, hernam hij ernstig: "Ja, nu zie ik
+het: gij zijt een ongeloovige, iemand zonder godsdienst. Ik weet het
+beter dan gij. God zal zeker eens sterven, want Hij is reeds zeer oud;
+en dan zal Sint-Nikolaas in zijne plaats treden."
+
+Terwijl wij door den Maimaks-arm stoomen, mogen wij onze oogen
+verkwikken aan het frissche groen der weilanden en dichte struiken:
+eene weldadige verrassing, nadat wij zoolang niets anders hadden
+gezien dan naakte, sombere rotsen, loodkleurige wolken en vuil-grauwe
+wateren. Maar achter de biezen, achter de struiken en boomen,
+zoeken wij vergeefs, wat toch bovenal leven en bekoorlijkheid aan
+het landschap schenkt: menschelijke woningen. Eene enkele armelijke
+planken hut is alles, wat wij kunnen ontdekken; in een klein weiland
+staan eenige mannen bij een soort van dijkje; een jeugdige knaap ligt
+achteloos uitgestrekt in een broze schuit, die met de deining der
+stoomboot op en neder wiegelt; maar niemand schijnt hier te wonen;
+de mannen en de knaap zijn van een naburig dorp gekomen. Zij zijn de
+rivier afgezakt, om voor hunne koeien wat gras te maaien, en eenig
+brandhout te verzamelen; straks zullen zij weder scheep gaan en naar
+huis keeren.
+
+Langs de oevers der oude kanalen vindt men dorpen in menigte;
+die dorpen bestaan uit een groep van eenige hoogst eenvoudige
+woningen, rondom eene kerk en een klooster geschaard, en hier en daar
+geflankeerd door eenige windmolens, die hunne armen, als bezetenen,
+rondwentelen. Elk dorp en elk gehucht is op de vooraf aangewezen plaats
+gebouwd; zij gelijken allen volkomen op elkander: vergeefs zoudt
+ge, in bouwtrant of inrichting, eenig spoor van oorspronkelijkheid
+zoeken. Alles geschiedt hier naar vastgestelde regels; de pope en
+de _starost_, keizerlijk ambtenaar, moeten in alle omstandigheden
+geraadpleegd worden, en wat zij voorschrijven of aanraden, geldt
+als wet.
+
+Overal in deze streken wordt de aandacht van den vreemdeling
+onwillekeurig getrokken door de groote menigte kruisen, die zich langs
+de kusten en langs de oevers der groote rivieren verheffen. Zoodra de
+hemel zich dreigend laat aanzien, gaat de zeeman aan land, richt een
+kruis op, en knielt neder om te bidden. Als zich dan een gunstige wind
+verheft, rijst hij op en keert naar boord terug, het heilige teeken op
+de woeste kust achterlatende, als een offer zijner dankbaarheid. Is
+er inderdaad ernstig gevaar, dan gaat vaak de gansche bemanning
+aan land; een paar boomen worden geveld en daarmede een groot kruis
+opgericht, waarop de namen der matrozen en de dagteekening worden
+gesneden. Langs de kusten der Witte-zee ontmoet men elk oogenblik
+deze vrome gedenkteekenen maar nergens zijn zij zoo menigvuldig als op
+de rotsen der Heilige-eilanden. Stomme en toch welsprekende getuigen
+van doorgestanen angst en onverwachte uitredding: elk kruis herinnert
+aan een storm.
+
+Enkelen zijn inderdaad historische monumenten. In de hoofdkerk van
+Archangel bewaart men zulk een _ex-voto_, door Peter den Groote
+opgericht, toen hij in deze streken ternauwernood aan een schipbreuk
+ontkwam; het werd later weggenomen en naar de kathedraal gebracht. "Dit
+kruis is door kapitein Peter gesneden", zoo luidt het opschrift,
+door de hand van den Tsaar zelf vervaardigd; en dat de keizer in
+de beeldhouwkunst niet onervaren was, toont dit werk, dat met recht
+op sierlijkheid en smaak aanspraak mag maken.--Is zij niet schoon en
+aandoenlijk, deze gewoonte, om op de onherbergzame kusten, door stormen
+geteisterd, en waar zoo menig, menigeen zijn graf in de golven vond,
+overal de zichtbare teekenen te plaatsen van hulp en redding, als het
+ware de tastbare gebeden en dankzeggingen voor de goddelijke genade,
+die hielp waar alle menschelijke hulp te kort schoot? De engelsche
+matroos, door tegenwind opgehouden, verlaat, met gramschap in de
+ziel en luide verwenschingen op de lippen, de kust, waar hij tegen
+zijn zin gevangen werd gehouden. Voorzeker, Jack Tar (de bijnaam der
+engelsche matrozen, ons Janmaat) bezit voortreffelijke eigenschappen,
+die niemand hem betwisten zal: maar deze kinderlijk vrome gewoonte
+van den russischen zeeman, getuigt zij niet van hoedanigheden, die,
+uit een zedelijk oogpunt, althans niet lager staan?
+
+Op de Dwina ontmoeten wij gansche vloten van houtvlotten en zoogenaamde
+_praams_, die ons een eigenaardig beeld van het leven in deze streken
+vertoonen. De vlotten bestaan uit lange reeksen van pijnboomstammen,
+door middel van rijshout aan elkander verbonden; op het vlot staat
+eene planken hut, waarin de eigenaar rustig zit te dommelen, terwijl
+zijne mannen op den oever hout hakken, of den gang van het vlot
+besturen. Deze vlotten komen dikwijls, drie- à vierhonderd mijlen ver
+uit het binnenland, de Dwina en hare nevenstroomen afzakken. De slanke
+pijnen, in de groote wouden van Wologda en Nishny-Konetz geveld, worden
+naar de oevers der rivieren gesleept, en daar door krachtige handen
+saamgebonden en tot vlotten vereenigd. In de steden, waar men langs
+vaart, bestaat altijd overvloedige gelegenheid om kosteloos de noodige
+manschappen te vinden, ter besturing van het vlot: want een aantal
+boeren, die het heilige klooster van Solowetsk wenschen te bezoeken,
+zijn steeds bereid om aldus de rivier af te zakken. Men schenkt hun
+vrijen overtocht, onder voorwaarde dat zij het vlot helpen besturen,
+en, waar het noodig is, boomen of roeien, of ook wel trekken.
+
+Wat de gemakken der reis aangaat, staan de praams hooger dan de
+vlotten. Ik weet deze vaartuigen niet beter te vergelijken, dan
+met de zoogenaamde arken Noachs, waarmede de kinderen spelen: het
+zijn reusachtige schepen van ruw behouwen pijnboomen, door middel
+van ijzeren haken aan elkander bevestigd; de voegen zijn met mos
+en teer gestopt. Een schuin oploopend planken dak dient menschen
+en koopwaren tot beschutting. Van binnen is verreweg het grootste
+gedeelte der ruimte door een wand van dichte rietmatten afgeschoten:
+daar worden de waren geborgen. Achter aan het schip is gewoonlijk
+een pijnboom bevestigd, waarvan de kleinste helft in het water hangt,
+en die als roer dient; aan de voorzijde is een soortgelijk roer, van
+kleiner afmeting, aangebracht; het eerste wordt door zes of zeven,
+het laatste door vier of vijf mannen bestuurd. Naarmate van de grootte
+van het schip en de lading, worden dertig of veertig riemen, over de
+beide zijden gelijkelijk verdeeld, gebruikt; deze riemen zijn jonge,
+aan de uiteinden afgeplatte dennestammen. Zulk eene groote bark
+kost zes- of zevenhonderd roebels, en kan tot achthonderd ton graan
+vervoeren. Het eene uiteinde der praam is met planken afgeschoten,
+en dient tot kajuit; het ameublement van dit vertrek bestaat uit
+eenige banken, een tafel en ettelijke planken langs den wand, alles
+van dennenhout. Aan den balk der zoldering hangt een ijzeren pot,
+waarin het scheepsvolk, zoolang men op het water is, het eten kookt;
+maar zoodra de praam in een haven binnenloopt, mag er geen vuur aan
+boord zijn; zelfs mogen de matrozen dan geen pijp rooken. Het eten
+moet dan aan wal worden klaar gemaakt. Bij de praam behoort een platte
+schuit, uit vier of vijf saamgevoegde stammen bestaande, waarmede de
+matrozen ten allen tijde gemakkelijk den oever kunnen bereiken.
+
+De leiding van het schip is toevertrouwd aan een nosnik, een loods, die
+midden op het vaartuig staat en den roeiers de noodige aanwijzingen
+geeft; hij is nauwkeurig met het vaarwater en alle ondiepten en
+stroomingen bekend. Voor het overige is het gezag opgedragen aan
+den gospodarz, die tevens hofmeester is.--Met het krieken van den
+dag roept de nosnik het scheepsvolk toe: "Zet u neder en bidt tot
+God!" Allen maken het teeken des kruises en buigen zich. Op den morgen
+vóór de afvaart werpt ieder een koperen geldstuk in de Dwina, om de
+rivier gunstig voor zich te stemmen: dan worden de touwen losgegooid,
+en het vaartuig drijft langzaam met den stroom mede. Doorgaans heeft
+men in Mei, wanneer de tocht begint, nu eens sneeuwbuien, dan vorst,
+afgewisseld met dooiweder; straks weêr ijzel en hagel; herhaaldelijk
+moet het schip tegen den wal gaan liggen, en zoo vaak de praam weder
+afsteekt, wordt de ceremonie met het geldstuk herhaald. Bij fraai,
+helder weder, wanneer het schip door den stroom wordt gedragen,
+zetten de roeiers, wier dienst dan niet gevorderd wordt, zich in
+een kring op het dek, en heffen uit volle borst een lied aan. Deze
+roeiers zijn mannen van ijzeren kracht, die van geen vermoeienis weten.
+
+Zoowel de pramen als de houtvlotten en de andere binnenlandsche
+vaartuigen hebben in den regel een aantal pelgrims aan boord, aan
+wie, behalve vrije overtocht, ook nog een ration zwart brood en thee
+wordt verstrekt, ter belooning der diensten, die zij als roeiers
+of stuurlui bewijzen. Doorgaans is deze dienst niet zwaar, want de
+rivier zelve verricht genoegzaam al het werk; de vlotten en pramen
+gaan nooit stroomopwaarts. Te Solombola gekomen, wordt de lading, in
+den regel uit graan, vlas, hennip en dergelijke artikelen bestaande,
+in de vreemde schepen overgebracht, die daarop wachten, en waarvan
+de meesten naar de engelsche of schotsche havens zijn bestemd. De
+praam wordt vervolgens aan den wal gehaald, uit elkander genomen en
+verkocht. Het hout wordt gedeeltelijk als timmer-, gedeeltelijk als
+brandhout gebruikt.
+
+Solombola, de nieuwe haven van Archangel, is niet veel meer dan een
+handvol verstrooide hutten, die aan een groep zwitsersche châlets
+zouden doen denken, indien niet de menigte van groene koepels en spitse
+torens u veeleer het beeld van eene bulgaarsche stad voor den geest
+riep. Langs de rivier loopt een soort van dam of zanddijk, vijf tot
+zes voet hoog; daar achter ligt het land zoo laag, dat alleen deze
+dijk den omtrek tegen overstrooming beveiligt. Solombola is bijkans
+een amphibie: in de lente, wanneer de rivier, door het smelten der
+sneeuw, buiten hare bedding treedt, loopt de gansche stad onder, en
+heeft men, even als in Venetië, een schuit noodig, om van het eene
+huis naar het andere te komen.
+
+
+
+
+IV.
+
+ARCHANGEL.
+
+
+De eerste indruk, dien de vreemdeling, uit de Witte-zee komende en de
+Dwina opvarende, ondervindt, is dat hij in eene geheel andere wereld
+is verplaatst: menschen en dingen herinneren hem onwillekeurig aan
+het Oosten.
+
+Bij het binnenloopen der rivier, trekt het uwe aandacht dat de loods
+weigert het dieplood uit te werpen. "Maak u niet ongerust," zegt
+hij: "het is hier diep genoeg; er zal ons geen ongeluk overkomen,
+tenzij dan dat God het wil."--Trouwens een russische loods peilt
+zelden. Waartoe ook: is niet de diepte van het vaarwater, voor de
+verschillende plaatsen en tijden, bij het reglement, bepaald, zoodat
+daaraan niets valt te veranderen? Het in zee uitgeworpen lood zou
+haar immers toch niet dieper maken?
+
+Gij vaart tusschen de eilanden door; de landlieden die gij op het
+veld of langs de oevers ziet, dragen allen, mannen zoowel als vrouwen,
+mantels van schapenvel: een kleedingstuk, dat men bijna het eigenaardig
+kenmerk der nomadenvolken zou kunnen noemen, en dat u dadelijk aan
+de steppen van Midden-Azië doet denken.
+
+Bij den eersten blik, op de stad Archangel geworpen, treft
+u de overgroote menigte der torens en koepels, de eersten
+zonder uitzondering verguld, de anderen met allerlei kleuren
+prijkende. Daarentegen vindt de gezagvoerder, die deze kusten bezoekt,
+noch kaaien, noch dokken, noch aanlegsteigers, noch trappen. Hij
+ankert waar hij kan; tracht zijn schip, door middel van boomen,
+eene goede plaats te bezorgen, en vindt evenveel hulp, voorlichting
+of medewerking, als wanneer hij in eene of andere turksche haven,
+te Widdin of te Roetsjoek, ware binnengeloopen. Gij wandelt over den
+dam naar de stad, wier schitterende torens en tinnen u tegenstralen:
+en gij hoort tot uwe verbazing, dat Archangel, even als Aleppo, geen
+logementen of herbergen heeft, zelfs geen khan, waar de reizigers
+een onderkomen kunnen vinden.
+
+Toch zijt gij hier nog niet in het echte Oosten. Bij het binnenloopen
+in de haven, zal de loods misschien naar u toekomen, en u de hand
+drukken; en zoo ge dien vriendschappelijken wenk niet begrijpt, zal hij
+u wellicht in het oor fluisteren,--als gold het een staatsgeheim,--dat
+indien er weinig vreemdelingen zijn, die de Dwina opvaren, daaronder
+toch geen enkele gevonden wordt, die verzuimen zou, aan den man,
+door wiens hulp hij aan de gevaarlijke zee der stormen is ontkomen,
+een _na-chai_ (kop thee) aan te bieden. Maar, ik haast mij er
+dit bij te voegen, de afschuwelijke, echt oostersche gewoonte,
+den ambtenaren bij de haven fooien in de hand te stoppen, is heden
+ten dage in onbruik. De tegenwoordige regeering, die reeds zoovele
+hervormingen heeft tot stand gebracht, heeft ook dit kwaad uitgeroeid,
+en wel door een alleszins voortreffelijken maatregel. Zij heeft het
+veel te groote aantal douane-beambten aanzienlijk ingekrompen, en de
+traktementen der overigen belangrijk verhoogd. Geen enkel ambtenaar
+trekt nu nog een bespottelijk traktement, dat enkel voor de leus was,
+en door allerlei andere middelen moest worden aangevuld; maar niemand
+zal het ook wagen, een geschenk aan te nemen. Prins Obolenski, die
+aan het hoofd staat van dezen uitgebreiden tak van dienst, is een man
+van karakter en energie, en daarbij van onkrenkbare eerlijkheid; zijn
+ijver en waakzaamheid hebben een einde gemaakt aan de schandelijke
+misbruiken, waarover door zoovele reizigers is geklaagd. Als een
+bewijs van de onverbiddelijke strengheid der administratie op dit
+punt, wijs ik op een feit, voor de waarheid waarvan ik persoonlijk kan
+instaan. Een scheepskapitein had aan een der ambtenaren bij de haven
+twaalf sinaasappelen ten geschenke gegeven; de gift was op zich zelf
+van niet veel waarde, maar daar deze vruchten hier zeer zeldzaam zijn,
+worden zij als eene uitgezochte lekkernij beschouwd. Zoodra de chef
+hiervan kennis kreeg, werd de ambtenaar een rang verlaagd. "Van daag
+neemt hij een sinaasappel aan, zeide de vertoornde chef; morgen zal
+hij wellicht een roebel aannemen". Eerst na verloop van een vol jaar
+werd de onvoorzichtige beambte weder in zijn vorigen rang hersteld.
+
+Archangel is noch eene haven, noch eene stad, in den zin, dien wij
+gewoonlijk aan die woorden hechten. Men ziet hier niet, zoo als te Hull
+of te Hamburg, een groot aantal dokken, magazijnen, winkels, wagens
+en rijtuigen; noch de bezige drukte van een levendig verkeer, gewoel
+langs de rivier en in de straten. Archangel is een groot kamp van
+pakhuizen, rondom eene menigte torens en koepels, kerken en kloosters
+gegroept. Verbeeld u een breede sombere rivier, omzoomd door een
+uitgestrekt moeras, waaruit zich kleine eilanden van leem verheffen;
+op die hoogten, groepen van gebouwen, met fresko's versierd, deels
+met kruisen en groene of blauwe koepels gekroond; denk u de ruimte
+tusschen de kerken en kloosters, met planken, balken en palen bedekt,
+maar zoo, dat er genoegzame plaats overblijft voor de tuinen, straten
+en pleinen; omring de huizen met geheel openliggende tuintjes; zet
+voor elk venster een geranium, eene fuchsia en een rozenstruik; laat
+overal in de straten en op de pleinen het gras welig opschieten:--en
+gij hebt een trouw beeld van Archangel. Uit de verte gezien, gelijkt
+Archangel meer op eene of andere heilige stad van het Oosten, dan op
+eene noordsche koopstad.
+
+Toch is deze zeehaven de eenige, die inderdaad russisch mag worden
+genoemd. Astrakhan is eene tartaarsche stad; Odessa, eene italiaansche;
+Riga, eene lijflandsche; Helsingfors, eene finlandsche. De taal,
+die daar gesproken wordt, is niet de russische. Met het zwaard
+gewonnen, kunnen zij ook weder door het zwaard verloren gaan: als alle
+veroveringen, zijn zij aan de kansen des oorlogs onderworpen. Het
+echte Rusland, het oude Groot-Rusland, zou ze kunnen missen, zonder
+daardoor onherstelbare schade te lijden. Het is groot en sterk genoeg,
+om zijne onafhankelijkheid te kunnen handhaven, rijk genoeg om te
+blijven bloeien, ook al moest het dien gordel van kleinere Ruslanden
+verliezen, waarmede het zich allengs omgord heeft. Maar met Archangel
+is het anders: dat is de eenige groote haven, die het oude Rusland
+met de zee verbindt, de eenige weg, waardoor het gemeenschap met de
+wereld daar buiten oefenen kan: een weg, door God zelf aangewezen en
+geopend, en dien geen menschen sluiten kunnen.
+
+Naar de schatting van ons, Westerlingen, moge Archangel te rijkelijk
+met kerken en torens en koepels gezegend zijn, zooals de Dwina-delta te
+overladen is met kruisen; voor ons moge de stad vooral van beteekenis
+zijn als de stapelplaats van granen en vlas, van teer en huiden, van
+hout en pek;--in het oog van den inboorling is zij iets geheel anders
+en hoogers: de woning van den aartsengel, de haven der bedevaartgangers
+van Solowetsk, de poorte Gods.
+
+
+
+
+V.
+
+HET GODSDIENSTIG LEVEN IN RUSLAND.
+
+
+Op zekeren dag wandelde ik met een vriend door Archangel, om bezoeken
+af te leggen. Wij hadden reeds in enkele huizen vertoefd, toen mijne
+aandacht getrokken werd door een man in uniform, met een krijgshaftig
+voorkomen en welgevormde gestalte, die telkens als wij ergens
+binnentraden of uitkwamen, zich in onze nabijheid bevond. Hierover
+verwonderd, voegde ik mijn vriend toe:
+
+"Die man schijnt ons op den voet te volgen."
+
+"O neen," klonk het lachende antwoord: "dat is een russisch
+politie-agent."
+
+"Maar waarom loopt hij ons dan altijd na?"
+
+"Hij slaat geen acht op ons; hij doet zijne ronde, en gaat den
+rijken eigenaars van huizen aanzeggen, dat zij heden avond, voor alle
+vensters hunner woningen, die op de straat uitzien, vier brandende
+kaarsen moeten zetten."
+
+"Vier kaarsen! en waarom dat?"
+
+"Ter eere van den Tsaar. Het is van daag de feestdag van zijn patroon;
+tegen acht uur zult ge zien hoe alle huizen eensklaps geïllumineerd
+worden... op aansporing van de politie."
+
+"Maar, mij dunkt, de politie heeft niet noodig zich daarmede te
+bemoeien. De keizer is populair en geliefd. Wie zou het feest van
+Sint-Alexander kunnen vergeten?"
+
+"Zeker, de keizer is zeer bemind, en toch vergist gij u: het volk zou
+er waarschijnlijk niet aan denken, den Tsaar het hof te maken. Zie
+maar eens: de winkels zijn open, en alle waren uitgestald; ieder is
+aan zijn werk, als op een gewonen dag. De moujik bekommert zich niet
+veel om keizers of koningen; hij kent slechts zijn beschermengel, zijn
+eigen heilige. Vraag hem niet, u een kleedingstuk af te leveren, uw
+rijtuig te herstellen, of hout voor u te gaan halen, op den feestdag
+van zijn patroon: hij zou zich liever levend laten begraven, dan
+dien dag door eenigen verboden arbeid ontheiligen. De moujik is geen
+hoveling, maar hij is godsdienstig."
+
+Weldra leerde ik door eigen ervaring de waarheid dezer getuigenis
+erkennen. Het diepe bewustzijn van zijne plichten jegens den
+Schepper beheerscht bij den Rus alle andere gevoelens. Dit bewustzijn
+openbaart zich niet alleen door een gevoel van eerbied en kinderlijke
+piëteit des harten, maar uit zich ook in menigvuldige godsdienstige
+handelingen, plechtigheden en gebruiken; het openbaart zich in alle
+kringen der maatschappij, in alle toestanden des levens. Gij vindt
+het in de kazernen en legerkampen, zoowel als bij de feestvierende
+schare op een dorpskermis en in de gehoorzalen der hoogescholen;
+gij vindt het bij den prins, die zich in oostersche weelde baadt,
+bij den handelaar op zijn kantoor, bij den boer, die zijn ploeg door
+den zwaren kleigrond drijft; bij den dief zelfs, die zijn makker het
+deel van den buit betwist.
+
+Het is deze innige vroomheid, die het land met heiligdommen en
+kerken overdekt en tot velerlei zonderlinge praktijken aanleiding
+geeft; maar zij is het ook, die, zelfs waar zij niet van het kwaad
+terughoudt, toch den zondaar niet met vrede laat en zijn gemoed
+opent voor boete en berouw. Elk dorp heeft zijne relieken; elk kind
+bidt tot zijn bijzonderen beschermengel, en draagt immer het kruis,
+hem bij den doop geschonken. De russische steden zijn overrijk
+aan kerken en kloosters. Te Kargopol, een stadje van tweeduizend
+zielen, telde ik niet minder dan twintig kerktorens. Moskou bezit,
+naar men zegt, meer dan vierhonderd kerken en kapellen; Kiew is, in
+verhouding tot de bevolking, niet minder rijk bedeeld. De herinnering
+aan alle merkwaardige gebeurtenissen wordt door de stichting eener
+kerk in het aandenken des volks bewaard. Te Kiew herinnert de kerk
+van Sint-Andreas aan het bezoek van een apostel; die van Sinte-Maria
+aan de invoering van het Christendom. Sint-Wassili te Moskou werd
+gebouwd ter gedachtenis aan de verovering van Kazan; het klooster
+van Donskoï dankt zijn ontstaan aan de overwinning, door Feodor op
+de Tartaren van de Krim behaald; de Sint-Salvator verrees als een
+dankoffer voor de nederlaag van Napoleon. Na de eerste overwinning,
+door de Russen op de Zweden behaald, werd de Sint-Alexanderskerk te
+Petersburg gesticht; die van Sint-Isaäk verrees ter gedachtenis van
+Peter den Groote. Waar wij een zuil of beeld zouden oprichten, bouwen
+de Russen een bedehuis; de gewijde basilieken zijn als het ware de
+levende monumenten, de sprekende getuigen van de geschiedenis des
+rijks en de lotgevallen des volks.
+
+Van de wieg tot het graf, leeft de Rus, om zoo te zeggen, in
+voortdurenden omgang met God; de godsdienst neemt in zijn leven
+eene zoo ruime plaats in, dat men zich bezwaarlijk daarvan een
+denkbeeld maken kan. Even als de Arabier, is ook de Slaaf van nature
+godsdienstig; voor deze volken is de godsdienst inderdaad eene macht,
+die hun gansche leven en denken beheerscht. Zoo gij eene russische
+hut binnentreedt, zult gij er immer eene kleine kapel of bidplaats
+vinden. Alle vertrekken zijn in zekeren zin gewijd: want in elk vindt
+gij een heiligen beeld; bijna zou ik zeggen: een huisgod. Het hoofd
+des gezins betreedt zijne woning niet dan met zekeren eerbied: hij
+staat even op den drempel stil, neemt zijne muts af, maakt het teeken
+des kruises, en herhaalt bij zich zelf een vers der gewijde liturgie.
+
+Het kruis, bij het toedienen van den heiligen doop ontvangen, en dat
+de Rus tot aan zijn dood blijft dragen, is het teeken en zinnebeeld
+van zijne volharding in het geloof. De godsdienst volgt en begeleidt
+hem, als kind en knaap, bij het spel en bij de studie; als man, op het
+kantoor en in de werkplaats.--Op alle hoogere en lagere scholen vindt
+ge eene verzameling van gebeden, op de verschillende omstandigheden
+van het schoolleven toepasselijk: gebeden bij den aanvang van
+het studiejaar, bij het begin der vacantie, bij de opening van een
+nieuwen cursus. De fabrieken en boerderijen staan hierin met de scholen
+gelijk. De gebeden verschillen natuurlijk naar gelang van den aard der
+bezigheden; maar niemand, oud of jong, zal ooit verzuimen, dagelijks
+zijne gebeden ten hemel te zenden; niemand zal zich, zonder ernstige
+redenen, aan zijne godsdienstplichten, bij voorbeeld, aan de bepalingen
+omtrent de vasten, onttrekken. Vooral deze laatste wordt streng in acht
+genomen: bijkans de helft van het russische jaar is aan boetedoening
+gewijd. Gedurende de zeven weken, die het Paaschfeest voorafgaan, is
+het gebruik niet alleen van vleesch, maar ook van visch, melk, eieren
+en boter verboden. Gedurende zes weken vóór Kerstmis, en een maand
+vóór Sint-Pieter, gelijke onthouding, alleen met deze uitzondering,
+dat men dan visch mag eten. In de maand Augustus, wederom een strenge
+veertiendaagsche vasten, ter eere van de Heilige Maagd, wier hemelvaart
+in die maand wordt herdacht. De woensdag en de vrijdag van iedere week
+zijn vastendagen. Deze algemeene regelen gelden altijd en voor allen;
+maar de geloovige, die, na voorafgaande biecht, communie wenscht te
+doen, behoort zich daartoe nog door bijzondere strenge boete voor te
+bereiden. Hij moet zich onthouden van alle met vet bereide spijzen,
+van lekkernijen, van suiker, van het rooken van sigaren; zelfs mag
+hij niets eten, dat door middel van vuur moet worden klaar gemaakt.
+
+Op den Stillen-Zaterdag, waarop ook in de russische kerk het water
+gewijd wordt, mag niemand iets eten of drinken vóór den afloop der
+plechtigheid, dat is omstreeks vier uur in den namiddag; dan wordt
+eerst van het gewijde water gedronken, en daarna zet men zich neder,
+om, in blijdschap des harten, maaltijd te houden. Om den noodigen
+voorraad van wijwater op te doen, spoeden mannen en vrouwen zich om
+het zeerst naar de kerken, beladen met kruiken, kannen en allerlei
+vaatwerk; bovendien brengt ieder een kaars mede, die in de kerk
+wordt aangestoken, en te huis voor het beeld van den heiligen patroon
+geplaatst, om daar verder te verbranden.
+
+Geen nieuw huis wordt betrokken, geen magazijn of winkel geopend,
+zonder voorafgaande godsdienstige wijding. Bijna iedere maand bezoekt
+de pope, gevolgd door den acolyth en den diaken, alle huizen in zijn
+kerspel, besproeit de vertrekken met wijwater, reinigt ze door gebeden
+en wijdt ze door het teeken des kruises.
+
+Bij alle groote gebeurtenissen des levens, bij de geboorte, bij het
+huwelijk, bij den dood, is de kerk, als eene zorgende en liefdevolle
+moeder, met raad en troost en hulp en voorlichting nabij, zelf
+deelnemende aan alle vreugden en smarten harer kinderen, en daaraan
+hooger wijding gevende. Het sakrament des huwelijks vooral, dat den man
+de kroon van het gezag schenkt en hem wijdt tot het hoofd van een nieuw
+gezin, wordt met buitengewone plechtigheid gevierd. De vele ceremoniën,
+die met de voltrekking van dit sakrament gepaard gaan, hebben allen een
+diepen en verheven zin, eene schoone symboliek, en munten bovendien
+door ernst, waardigheid en bevalligheid uit. De gebeden en lofzangen
+klimmen op tot den troon des Almachtigen; de ringen worden gewisseld;
+de zegen des hemels op het jonge paar afgesmeekt; eindelijk wordt op
+de hoofden der jonggehuwden een gouden kroon gezet.
+
+"Iwan, dienstknecht des Heeren," zegt de pope, "ontvang als uwe kroon,
+Nadia, die dienstmaagd des Heeren!"
+
+Sommige bruidsparen dragen deze huwelijkskroon eene geheele week lang,
+en bezorgen haar daarna terug aan de sakristie, waar zij op nieuw
+den zegen ontvangen. Ook aan het nederigste en meest alledaagsche
+leven bereidt de godsdienst aldus een feestdag, een dag van poëzie,
+van hoogeren glans en heerlijkheid. Op den bruiloftsdag is de bruid
+steeds koningin, de bruidegom koning, al ware hij ook niets meer dan
+een arme vergeten knecht.
+
+De grieksche kerk leert dat iederen mensch een bijzondere beschermengel
+is gegeven, die hem van de wieg tot het graf volgt, die getuige is van
+al zijne daden, en dien hij nimmer misleiden of bedriegen kan. In zijn
+slaapvertrek plaatst de Rus eene beeltenis van dien engelbewaarder,
+en onderhoudt dag en nacht eene brandende lamp tot zijne eer. De
+feestdag van dien beschermengel is geheel aan stille rust, aan vrome
+overpeinzingen en werken der liefdadigheid gewijd. Men richt een
+maaltijd aan, waarop de vrienden en bloedverwanten genoodigd worden;
+tevens worden aan de armen aalmoezen uitgedeeld. Men gaat ter kerke, en
+koopt daar gewijde brooden, voor de bedienden, de gasten, de bezoekers
+bestemd. De pope komt, met het evangelie en het kruis, en zingt de
+plechtige litanie ter eere des engelbewaarders, waarvoor hij van den
+heer des huizes eene gave ontvangt, verschillende naar gelang van
+diens fortuin.--De beschermheilige of patroon, wiens naam men draagt,
+wordt met niet minder eerbied en ijver vereerd. Ook zijn beeld wordt
+nooit in de woning gemist, en zijn naamdag godsdienstig gevierd. Door
+niets ter wereld zou een Rus zich laten bewegen, den naam, dien hij bij
+den doop ontvangen heeft, te laten varen. Zekere boer stond terecht,
+als beschuldigd, een valsch paspoort te hebben vervaardigd, ten einde
+zich voor een ander te doen doorgaan. "Hoe kan men meenen", riep hij
+verbaasd uit, "dat ik een naam zou hebben aangenomen, die mij niet
+toekomt? Ik zou daardoor immers mijn patroon hebben verloren. Zeker
+heb ik dat niet gedaan; ik heb alleen mijne geboorteplaats veranderd."
+
+De godsdienst bezielt en beheerscht zoozeer geheel het maatschappelijk
+leven, dat, tot op zekere hoogte althans, het volle genot der
+burgerrechten afhankelijk is van de getrouwe vervulling der
+godsdienstplichten. Ieder Rus weet, dat hij gehouden is, eenmaal per
+week de mis te hooren, zijne zonden te biechten, en minstens eenmaal in
+het jaar de heilige communie te houden. En de overgroote meerderheid
+denkt er niet aan, deze plichten te verzuimen, of ze in eenig opzicht
+als een last te beschouwen. Die zich daaraan onttrekt, wordt ook
+in burgerrechterlijken, maatschappelijken zin als dood beschouwd:
+tenzij hij van den pope, zooals dat soms geschiedt, een bewijs weet te
+verkrijgen, waaruit zijne getrouwe waarneming der kerkelijke plichten
+blijkt. Maar nog eens: zij, die tot dergelijke middelen hunne toevlucht
+nemen, vormen zeer stellig eene betrekkelijk onbeteekenende minderheid;
+de overgroote massa des volks is oprecht en innig aan zijne godsdienst
+gehecht, en toont dat op de meest ondubbelzinnige wijze. De zoogenoemd
+voorname onverschilligheid, het praktisch atheïsme onzer moderne
+westersche maatschappij vindt in Rusland nog zeer weinig aanhangers;
+het zou daar door verreweg de meesten niet eenmaal worden verstaan.
+
+
+
+
+VI.
+
+DE PELGRIMS.
+
+
+Na het godsdienstig gevoel is er misschien geen hartstocht, die
+meer macht uitoefent op het gemoed van den Rus, dan de ingeboren,
+onweerstaanbare neiging voor een zwervend nomadenleven.
+
+Bij alle Slavische stammen vindt men dien trek naar verandering, naar
+het avontuurlijke, onbekende; de zucht, om nu her- dan derwaarts te
+trekken, heden hier, morgen elders zijn verblijf te vestigen, de wereld
+te doorwandelen, en in zekeren zin, naar oud aartsvaderlijke wijze, in
+tenten te leven. Maar bij den Rus is deze zucht veel sterker ontwikkeld
+dan bij den Czech van Bohemen, bij den Serviër of den Croaat.
+
+Deze lust voor een zwervend leven, samenvallende met het godsdienstig
+gevoel, is de machtige drijfveer, die nog jaarlijks, in geheel Rusland,
+zoo vele duizenden huis en hof doet verlaten, om ter bedevaart
+te trekken.
+
+De pelgrims gaan steeds te voet, in gezelschappen van vijftig of
+zestig personen, mannen, vrouwen, kinderen, allen met den staf in de
+hand, een lederen flesch aan den gordel, nederknielende voor iedere
+kapel, die zij op hunnen weg ontmoeten, dag en nacht hunne lofzangen
+aanheffende, en alom het landvolk stichtende door het voorbeeld hunner
+vroomheid. De kinderen zingen, op half klagenden toon, een lied,
+waarvan elk kouplet eindigt met dit refrein:
+
+
+ Goede vaders, teedre moeders,
+ Schenkt ons, armen, brood.
+
+
+En deze bede blijft nimmer onverhoord: de arme pelgrim, die,
+biddende om brood, aan de deur der woning aanklopt of voor het venster
+stilstaat, zou immers wel een engel, een Godsgezant kunnen zijn? Mag
+men hem dan eene gave weigeren; zal niet veelmeer deze gave rijkelijk
+worden beloond?
+
+Er zijn echter ook lieden, die van deze vrome gezindheid des volks
+misbruik maken. Landloopers en gauwdieven vermommen zich dikwerf als
+pelgrims, veinzen eene buitengewone vroomheid, verkoopen twijfelachtige
+relieken tegen klinkende munt aan dienstmeiden en lichtgeloovige oude
+vrouwen, en verzekeren zich alzoo, zonder veel moeite, een tamelijk
+gemakkelijk levensonderhoud.
+
+Een boer, die tot dusver zijne schapen en varkens trouw naar de weide
+heeft gedreven en ze van dag tot dag, van den morgen tot den avond,
+bewaakt, krijgt het eensklaps in het hoofd om pelgrim te worden,
+en als zoodanig eene vrijheid te genieten, die in het gewone leven
+voor hem onbereikbaar is. Het denkbeeld, dat hij nu geene belasting
+meer te betalen en geen heerendiensten meer te verrichten heeft,
+niet meer voor vrouw en kinderen behoeft te zorgen, maar vrij mag
+wandelen van stad tot stad, van gewest tot gewest, bekoort hem; hij
+wordt een bedelaar, een landlooper, misschien een bedrieger. Maar als
+hij langs de huizen gaat, brengen ouden en jongen hem den vromen groet,
+die zoo aangenaam in zijne ooren klinkt: "Waarheen, o vriend, geleidt
+de Heer uwe schreden?" Vroeger of later ontmoet hij een gezelschap van
+pelgrims, bij wie hij zich kan aansluiten, en die hem als een broeder
+in hunne midden opnemen. Hij hangt een lederen flesch aan zijn gordel;
+zijne vrouw, op een stok leunende, strompelt langs den weg door het
+donkere woud. Men ontmoet deze lieden overal, op de binnenplaatsen
+van alle groote huizen. Zij sluipen door zij- en achterdeuren binnen,
+en bieden voorwerpen te koop aan, die voor de vrouw des huizes van
+niet minder waarde zijn dan voor de nederige dienstmaagd: een stuk
+van de rots van Nazareth, eenige droppels water uit den Jordaan, een
+draad van den rok zonder naad, een stukje van het ware kruis. Zij
+die op zoo groote schaal hun beroep drijven, zijn de vindingrijke,
+ondernemende geesten onder hen, die de kunst verstaan om de heilige
+zaken te exploiteeren; maar behalve dezen, zijn er nog duizenden
+zulke leegloopers, die het halve rijk doorkruisen, en overal aan de
+aandachtig luisterende schare verhalen wat zij gezien hebben op hunne
+bedevaarten naar deze of gene heilige plaats, waar de beenderen der
+heiligen dagelijks wonderen werken. Sommigen vertoonen een kruis van
+Troïtza; anderen verkoopen aan de liefhebbers een stuk van het gewijde
+brood van Sint-George. De meesten hunner hebben ook Solowetsk bezocht,
+of weten daar althans allerlei merkwaardige dingen van te vertellen.
+
+De veroordeelden, die uit de mijnen van Siberië weten te ontsnappen,
+hullen zich in het pelgrimskleed en nemen den staf ter hand. Onder
+deze vermomming zal een vluchteling, zonder veel gevaar, de reis
+van Perm naar Archangel kunnen doen, zelfs al waren zijne papieren
+valsch en al droeg hij het brandmerk op zijn schouder. Een poolsche
+balling, Pietrowski genaamd, wist voor eenige jaren op deze wijze
+te ontsnappen en de haven van Archangel te bereiken, waar hij zich
+inscheepte. Het dramatisch verhaal zijner lotgevallen wekte destijds
+de algemeene belangstelling. Maar langs de oevers der Dwina zijn een
+aantal soortgelijke verhalen in omloop.
+
+Toen ik tot de reis om de Noordkaap besloot, was het ook in de stellige
+verwachting, dat ik die vrome reisgezelschappen zou ontmoeten; dat
+ik met hen naar Solowetsk zou gaan, hen dus van nabij bestudeeren,
+en tegelijk, zoo mogelijk, nadere berichten inwinnen omtrent dat
+wonderlijke "spook van het klooster", dat sinds zoovele jaren, op zoo
+geheimzinnige wijze, met het keizerlijk geslacht van Romanoff wordt
+in verband gebracht. Groot was dan ook mijne teleurstelling, toen ik
+bij mijne komst te Archangel vernam dat het laatste gezelschap van
+pelgrims juist vertrokken was, en dat de stoombooten hare vaart op
+de Witte-zee hadden gestaakt, totdat het ijs, in de maand Mei van
+het volgende jaar, zou beginnen los te raken.
+
+Zeer ontevreden, dat ik aldus eene uitnemende gelegenheid had gemist om
+de godsdienstige gewoonten en gebruiken des volks te bestudeeren, liep
+ik met ongeduldige schreden heen en weder in het ruime Pelgrimshof, in
+de zoogenaamde bovenstad;--toen ik eensklaps een aantal schapenvellen
+ontdekte, niet op den grond uitgespreid, maar om de schouders geplooid
+van een groep lieden, met vermagerde en gebruinde aangezichten,
+karakteristieke figuren, zoo als ge die, het gansche jaar door, op de
+kusten van Syrië ontmoet. Eene innige, vurige vroomheid bezielt deze
+mannen, en heeft op hun gelaat, in hunne manieren en wijze van spreken,
+haar onmiskenbaren stempel gedrukt. Hun geest is steeds van hooge en
+ernstige gedachten vervuld: ook onder hunne armelijke lompen behouden
+zij, in geheel hun voorkomen, eene waardigheid en bevalligheid, die
+niet kan nalaten indruk te maken. Gindsche grijsaard, die met een
+stuk gedroogden visch in de hand, naar de woning treedt, zou voor
+een arabischen sheik kunnen doorgaan. Evenals ik, zijn deze pelgrims
+door het ruwe weder opgehouden: hen ziende, voel ik mijne hoop weder
+ontwaken. De monniken zullen toch deze dorstige, heilbegeerige zielen
+niet zonder troost en lafenis willen wegzenden, en waarschijnlijk
+evenmin genegen zijn om hen gedurende eenige maanden van huisvesting
+en kleeding te voorzien. Er zal dus wel een middel gevonden worden,
+om eene boot te doen varen.
+
+Aan den ingang van het zoogenaamde Pelgrimshof staat een kleine monnik,
+nog geen vijf voet hoog, met lange krullende lokken, evenals een
+meisje, en een fraaien golvenden baard. Het zal eenige moeite kosten,
+met mijn gebrekkig russisch, om met hem een gesprek aan te knoopen:
+toch waag ik het er op, en vraag hem, of hij mij zeggen kan, waar de
+boot van Solowetsk ligt.
+
+"Zijt gij een Engelschman?" herneemt de monnik.
+
+Deze woorden, in mijne eigene moedertaal uitgesproken, verrassen
+mij uit dien mond: nog nooit had ik in dit land een geestelijke
+aangetroffen, die eene andere taal dan het russisch verstond. Op mijn
+bevestigend antwoord, vervolgt mijn nieuwe vriend: "De boot vaart
+niet meer: zij ligt nu in het dok te Solowetsk."
+
+In het dok! Die man houdt mij voor den gek: want hoe zou men een dok
+kunnen verwachten bij een klooster, waar een havenstad als Solombola
+zich met zulk een erbarmelijk hoofd moet tevreden stellen?
+
+"In het dok?"
+
+"Ja zeker, in het dok."
+
+"Hebt ge dan een dok op het Heilig-eiland?"
+
+"Waarom niet? De kooplieden van Archangel hebben er geen, zult gij
+zeggen. Dat is zoo; maar de kooplieden zijn geen monniken. Zij drijven
+handel; en wij, wij werken. Slava Bogu! (God lof!) een goede monnik
+volbrengt zijne taak ordelijk en zonder tijdverspillen. Te Londen
+hebt gij immers ook dokken?"
+
+"Ja zeker, in menigte; maar die zijn niet door monniken gebouwd."
+
+"Dat weet ik. In Engeland zijn er geen godsdienstige orden meer; maar
+vroeger waren zij er, en toen stichtten zij gebouwen van allerlei aard,
+niet waar?"
+
+Terwijl ik hem met verbazing aanstaar, deelt de monnik, in zijn
+ruw en onbeholpen matrozen-engelsch, mij eene tijding mede, die
+mij van harte verheugt. Hoewel de boot, die de pelgrims overbrengt,
+reeds hare winterkwartieren in het dok te Solowetsk heeft betrokken,
+en de machinerie reeds is geborgen, zal toch binnen acht dagen een
+schip met levensmiddelen naar het eiland afvaren.
+
+"Kunt gij mij ook zeggen, waar ik den kapitein van dat vaartuig zou
+kunnen vinden?"
+
+"Hum!" antwoordt op langzamen toon de ander, terwijl hij een kruis
+slaat en in stilte een schietgebed prevelt; "ik zelf ben de schipper."
+
+Nu begrijp ik er niets meer van! Hoe, die man, die in Rusland een
+dwerg mag heeten; die monnik in pij en kap, met zijne krullende lokken
+als die eener vrouw, is de gezagvoerder van een schip, dat de zee
+bevaart? Bij een nauwlettender blik op dit fijne, bijkans vrouwelijke
+gelaat, treft mij echter de gloed der oogen, de donkere gebronsde tint,
+de scherp geteekende mond met de fraaie tanden: eene uitdrukking van
+kracht en vastberadenheid, die wel aan een zeeman voegt.
+
+"En zoudt gij mij aan boord kunnen nemen?"
+
+"U! Hoe, gij zijt een Engelschman, en gij wenscht de grafsteden der
+heiligen te bezoeken? Dat is wel vreemd! Green uwer landgenooten gaat
+ooit naar Solowetsk. Zij komen hier niet om te bidden, maar om handel
+te drijven, somwijlen om tegen ons te vechten."
+
+Hij sprak deze laatste woorden met doffe stem, en met blijkbaar kwalijk
+bedwongen toorn. Onwillekeurig herinnerde ik mij, hoe eene dame te
+Onega mij verhaald had dat zij, met hare russische vrienden eene week
+te Solowetsk willende doorbrengen, zorgvuldig hare engelsche afkomst
+verborgen had gehouden, uit vrees dat de monniken haar vermoorden
+zouden. Dit nu was ongetwijfeld eene ijdele verbeelding: maar toch
+joeg deze herinnering mij een huivering door de aderen, toen ik zag,
+hoe de kleine man zijn voorhoofd fronste, en den somber dreigenden
+toon zijner stem vernam, als hij van de engelsche vloot sprak.
+
+Ik liet echter niets merken, en vroeg hem: "Waar is uw schip, en hoe
+heet het?"
+
+"Het ligt te Solombola, nabij de kaai der Pelgrims. De naam is _la
+Verra_ (het Geloof)."
+
+Deze zeer bijzondere scheepskapitein boezemt mij belangstelling in. Een
+anderen monnik, blijkbaar ook een zeeman, ontmoetende, vraag ik hem
+naar den naam van mijn zonderlingen vriend.
+
+"Hij heet Iwan," antwoordt mij deze man, een soort van noordschen
+Hercules, met levendige oogen en stout gewelfd voorhoofd; "Iwan,
+of liever Wanouchka, want hij is klein van gestalte, en wij houden
+allen veel van hem."
+
+Wanouchka beteekent letterlijk de kleine Iwan (Johannes). Voor ons,
+vreemdelingen, heet de gezagvoerder steeds Vader Johannes.
+
+Daar ik u nu toch eenmaal in kennis met hem gebracht heb, is het
+misschien maar beter aanstonds te vertellen, wat ik later te weten
+ben gekomen omtrent den levensloop van dezen wonderlijken kleinen
+scheepskapitein met zijn monnikspij en golvende lokken.
+
+Vader Johannes zag het levenslicht in een laplandsch dorp, en
+had, bij zijne geboorte, geen ander vooruitzicht dan houthakker of
+kabeljauwvisscher te worden, het harde en treurige leven te leiden,
+waartoe de bewoners dezer rampzalige streken veroordeeld zijn. In
+den zomer zou hij boomen moeten vellen en het schrale gras maaien;
+in den winter, op zeehonden- en kabeljauwvangst uitgaan. Maar het
+kind was levendig van aard, leergierig en vlug van begrip; hij brandde
+van nieuwsgierigheid om vreemde landen te zien, en droomde zich eene
+heerlijke toekomst, als hij eens gezagvoerder of eigenaar zou zijn van
+een schip, zooals hij er nu en dan langs de kusten zag stevenen. Maar
+om dien droom tot werkelijkheid te maken, moest hij kennis opdoen, de
+behandeling van een schip leeren; weten hoe hij die groote gevaarten
+op zee besturen en naar zijn wil leiden kon. Het gehucht, waar Iwan
+geboren was, lag op ongeveer tien kilometer afstands van Kem, eene oude
+stad, door kolonisten uit Nishny-Nowgorod op de kusten van Lapland
+gesticht. Kem bezit eene kweekschool voor de zeevaart, wel eene zeer
+eenvoudige en weinig ontwikkelde school, maar die toch altijd beter
+was dan niets. Iwan werd daarop geplaatst: en nu was zijn lot beslist.
+
+Zoo ge van Kem oostwaarts uwe blikken over de zee laat dwalen, ziet
+ge uit de donkergrijze wateren een groep hooge en boschrijke eilanden
+verrijzen, die, vooral in de vroege morgenuren, als met een waas
+van tooverachtige schoonheid omgeven zijn, en met onwederstaanbare
+macht u tot zich schijnen te trekken. In dit noordsche paradijs zijn
+alle dalen en valleien met frisch en weelderig gras bekleed, prijken
+alle hoogten met eene kerk met gekleurden koepel en verguld kruis:
+dat is de eilandengroep van Solowetsk; en onze jonge kweekeling trok
+er menigmalen ter bedevaart heen. De flikkerende lichten, de statig
+zwellende muziek, het ernstig koorgezang, de rijke versieringen van
+den tempel: dit alles maakte een diepen indruk op zijne levendige,
+prikkelbare verbeelding; de herinnering aan het kalme, vreedzame
+kloosterleven, met zijn rustigen arbeid en voegzamen overvloed,
+week niet meer uit zijne ziel.
+
+Hij kwam met glans door zijne examens, en ging naar Archangel, waar hij
+een weinig stichtelijk leven leidde; toen knoopte hij kennis aan met
+eenige duitsche matrozen van de Oostzee, wier gezelschap hem zoogoed
+beviel, dat de vurige begeerte bij hem opkwam, met hen mede te gaan en
+vreemde landen te zien. Maar daartegen bestond een groot bezwaar. Er
+was gebrek aan matrozen in de russische havens; keizer Nikolaas had
+al zijne zeelieden naar de kusten der Zwarte-zee gezonden; en een
+russisch onderdaan mocht niet, zonder uitdrukkelijke vergunning van
+de politie, zijn land verlaten. Iwan wist nu zeer goed, dat hem die
+vergunning zou geweigerd worden. Toen dus het duitsche schip op het
+punt stond van te vertrekken, sloop hij 's nachts heimelijk aan boord,
+en kwam gelukkig de haven uit, zonder ontdekt te zijn.
+
+Hij deed nu met dit schip, waar hij onder een anderen naam op de rol
+was ingeschreven, verschillende reizen naar de duitsche en deensche
+kusten, en somwijlen ook naar Engeland en Schotland, en vereenzelvigde
+zich geheel met zijne makkers, in wier vroolijk en onbekommerd leven
+hij deelde. Maar noch de verstrooiingen der havensteden, noch de
+gesprekken van zijne luchthartige gezellen vermochten bij hem de
+herinneringen uit te wisschen aan de vermaningen van zijn vader of
+de lessen van zijn pope. Gelijk de Zwitser met heimwee aan zijne
+bergen denkt, gelijk het hart van den fellah smacht naar den Nijl,
+zoo verzuchtte Iwan in stilte naar zijne kerk, naar de vertroostingen
+zijner godsdienst. Maar wat kon hij doen? De gedachte alleen aan een
+terugkeer naar Kem joeg hem de schrik op het lijf: hij wist dat de
+knoet, de kerker, de dwangarbeid in de mijnen hem in zijn vaderland
+wachtten.
+
+In den nood en de benauwdheid zijns harten sprak hij enkele malen
+met zijne makkers over hunne godsdienst: sommigen lachten hem uit;
+anderen wierpen hem scheldwoorden of verwenschingen naar het hoofd. Op
+zekeren dag echter, dat hij zich aan wal bevond, bracht een oude
+zeeman hem naar een katholiek priester. Iwan ontving nu iederen
+morgen, gedurende vijf of tien minuten, onderricht in den roomschen
+catechismus: maar weldra kwamen allerlei twijfelingen bij hem op,
+en toen hij weder moest uitvaren, had hij nog niet gevonden wat hij
+zoo vurig zocht. In den levant, waar heen hij nu ging, ontmoette
+hij allerlei belijdenissen en kerkgenootschappen: maar hoewel hij
+met de aanhangers van die allen in aanraking kwam, kon geen enkele
+zijn hart geheel bevredigen. Toch wenschte hij zoo vurig een ander
+en beter mensch te worden; toch dorstte zijne ziel naar hooger leven.
+
+Zoo gingen jaren voorbij: een paar malen ontkwam hij te nauwernood
+aan den dood in de golven, die zijn schip hadden verbrijzeld. De
+ernstige ervaringen van zijn onrustig leven, de doorgestane gevaren
+verlevendigden nog maar te meer zijne behoefte aan geloof en
+gemeenschap met God: vermoeid van twijfelingen en vragen, zag hij
+met stillen weemoed en smachtend verlangen terug naar het dierbare
+geloof zijner gelukkige kinderjaren. Maar aan die kerk was hij vreemd
+geworden: hoe zou hij tot haar wederkeeren?
+
+Terwijl hij door deze gedachten en begeerten geslingerd werd, bood
+zich onverwacht eene gelegenheid voor hem aan, om naar zijn vaderland
+terug te keeren. Het duitsche schip, waarop hij diende, werd naar
+Archangel bevracht; en daar Iwan de eenige Rus aan boord was, kon hij
+den kapitein van groote dienst zijn. Deze tijding bracht hem in groote
+spanning. Hij brandde van begeerte om naar zijn vaderland terug te
+keeren, op de graven zijner vereerde heiligen te knielen, aan zijne
+moeder eene kleine geldsom ter hand te stellen, die hij voor haar had
+opgespaard; maar er waren reeds twaalf jaren verloopen, sedert hij
+eigenmachtig, zonder vergunning, Rusland verlaten had: en hij wist,
+dat op dit misdrijf verbanning naar Siberië stond. De vrees overwon:
+hij zeide tegen den kapitein dat hij den tocht niet mede zou maken,
+maar zijn ontslag nam.
+
+Doch de kapitein was een man, die zijne zaken verstond, en zich niet
+aldus liet afschepen. Hij was den jonkman ongeveer zevenhonderd gulden
+schuldig; hij zeide nu, dat hij geen geld had en dus niet met hem kon
+afrekenen; wilde Iwan medegaan naar Archangel, waar de kapitein bij
+de aflevering zijner lading, eene aanzienlijke som moest ontvangen,
+dan zou hij hem daar betalen. Een russisch spreekwoord zegt, dat
+het geld gaarne geteld wil wezen: en als Iwan zijne leege zakken
+nazag, kwam hij tot de overtuiging, dat het toch maar beter was,
+naar Archangel te gaan en zijne gage te ontvangen, in de hoop dat
+hij wel een of ander middel zou vinden, om zich uit zijne valsche en
+gevaarlijke positie te redden.
+
+Daar hij zijn baard had afgeschoren en een valschen naam droeg, zou
+hij Archangel ook zeker weder hebben kunnen verlaten, zonder ontdekt
+te worden, indien hij zich, den avond vóór zijn vertrek, niet door
+eenige duitsche matrozen had laten verlokken om naar eene herberg te
+gaan. Twaalf jaren onthouding hadden hem de kracht van den _vodka_
+doen vergeten: hij dronk te veel; en toen hij den volgenden morgen
+uit zijn roes ontwaakte, waren zijne kameraden vertrokken en had het
+schip de haven verlaten. Wat nu te doen? Vervoegde hij zich bij den
+duitschen consul, dan zou hij als deserteur beschouwd en gestraft
+worden; wendde hij zich tot de russische overheid, stond hem dan niet
+de knoet te wachten? In zijne verslagenheid dwaalde hij door Archangel,
+berouw gevoelende over zijne terugkomst, toen hij een zijner vroegere
+makkers van de kweekschool ontmoette, Jakob Kollownoff, die goede
+zaken gemaakt had, en nu eigenaar was van een klein schip, waarmede
+hij verre en gevaarlijke tochten ondernam. De volgende week zou hij
+naar Spitsbergen onder zeil gaan om kabeljauw te vangen, die hij aan
+boord inzoutte en naar de markt te Kronstadt bracht. Kollownoff kende
+Iwan als een man van karakter en moed, en een uitmuntend zeeman: hij
+maakte volstrekt geen bezwaar om hem bij zich aan boord te nemen. De
+vangst slaagde boven verwachting, en het vaartuig bereikte gelukkig de
+haven van Kronstadt; maar de volgende reis was minder voorspoedig: het
+schip stootte op een klip, en de bemanning redde niet dan met moeite
+het leven. Nu van alles ontbloot, stond bij Iwan het besluit vast,
+om het zeeleven vaarwel te zeggen en naar Rusland terug te keeren,
+wat hem daar dan ook wachten mocht.
+
+Hij ging met Jakob Kollownoff naar Kem, en werd, daar zijne papieren
+niet in orde waren door de politie gearresteerd en in de gevangenis
+geworpen, waar hij twaalf maanden doorbracht, zonder verhoord te
+worden. Eindelijk werd hij naar Archangel gevoerd, om daar, zooals
+men hem zeide, met tweejarigen dwangarbeid in het fort te worden
+gestraft. Maar dit bleek een ijdel dreigement: want te Archangel werd
+hij op nieuw ondervraagd en in vrijheid gesteld.
+
+Zoo was hij dan in zijn vaderland en vrij. Nu verrees weder voor zijn
+geest het heerlijk visioen der Heilige-eilanden, stralende van goud,
+van lichtglans en groen, een paradijs van vrede en geluk. Hij had het
+woelige leven der wereld geproefd: zijn hart smachtte naar rust. Hij
+wilde monnik worden te Solowetsk.
+
+De gelegenheid was hem gunstig: een goed matroos was voor het klooster
+zeer gewenscht. Men had juist te Glasgow eene stoomboot gekocht, om
+de pelgrims over te voeren; dadelijk na de aankomst der boot in de
+haven te Archangel, had de archimandriet van Solowetsk de engelsche
+bemanning weggezonden en zelf met zijne monniken handen aan het werk
+geslagen. Maar de brave mannen konden met dit werk niet best overweg;
+ook voelden zij zich op dit vreemde vaartuig volstrekt niet op hun
+gemak: weldra werd de schotsche ingenieur terug geroepen. Echter legden
+de monniken zich ijverig op de behandeling van schip en machine en
+op de stuurmanskunst toe; zij wonnen raad en voorlichting bij hunne
+landgenooten in; namen enkele gelukkige proeven, en brachten het
+eindelijk zoover, dat zij vreemde hulp konden ontberen. De rollen
+werden verdeeld: een priester werd tot gezagvoerder benoemd; monniken
+deden dienst als matrozen, fungeerden als hofmeester en zorgden voor
+de machine. Toch, hoewel de zaak nu tamelijk goed ging, was iemand
+als Iwan, op dat oogenblik, voor het klooster een waar godsgeschenk:
+want de reis naar Solowetsk is juist niet een pleiziertochtje; en
+de vroomste pelgrim, ja, de archimandriet zelf, vindt het wel zoo
+geruststellend, als hij op de Witte-zee dobbert, dat de bescherming
+der heiligen hem zichtbaar verleend wordt door tusschenkomst van een
+kloek en ervaren zeeman. Zoo werd de zwerveling met open armen in het
+klooster ontvangen; maar vader Johannes heeft nog de oude liefde van
+Iwan voor de zee niet verloochend.
+
+
+
+Eene dame, die met de landstreek bekend is, heeft de vriendelijkheid
+gehad mij te voorzien van al datgene, waaraan een kloostercel,
+vooral te Solowetsk, in den regel behoefte heeft: heerlijke thee,
+een ossentong, versche boter, kaas, biefstuk, tarwebrood, kussens en
+dekens. Met dezen schat bij mij, toog ik naar de kaai der pelgrims en
+naar het hoogst eenvoudige havenhoofd, het eenige dat Archangel bezit,
+waar de reizigers over een plank van en naar boord moeten gaan.
+
+Het sierlijke vaartuig ligt op ons te wachten; de bazaanmast prijkt
+met een gouden kruis; aan den grooten mast wappert een kerkelijke
+banier. Op den voorsteven prijkt zijn naam, _Verra_, in zeer groote
+gouden letters. Vader Johannes staat op het dek, en geeft met
+zachte stem zijne bevelen aan de officieren en matrozen, die voor
+het meerendeel monniken zijn; de luitenant, de hofmeester, de kok,
+de machinist, allen dragen de monnikspij.
+
+Op de kaai der pelgrims, die door poorten van de straat gescheiden
+en zeer onregelmatig met houtspaanders geplaveid is, verheft zich
+een geheel nieuwe groep van kloostergebouwen: kapellen, cellen,
+magazijnen, kantoren, winkels, slaapzalen: in één woord, een nieuw
+tweede pelgrimshof. Sedert de stoombooten niet meer tot het oude
+pelgrimshof, in de bovenstad, kunnen doorvaren, hebben de vrome vaders,
+zich schikkende naar de eischen van den tijd, nabij den oever der
+rivier nieuwe gebouwen ten dienste der bedevaartgangers opgericht.
+
+Eene dichte schaar van mannen en vrouwen, pelgrims, landloopers,
+soldaten, houdt de toegangen naar den aanlegsteiger bezet; de grond is
+rondom bedekt met manden en korven, samovars, kooktoestellen, bedden
+en dekens, gedroogde visschen, laarzen, oude mantels en pelsjassen,
+doozen met zout, roggebrood, enz. Te midden der groepen bewegen zich,
+met rustigen tred en een weemoedige uitdrukking op hun zachtzinnig
+gelaat, vijf of zes monniken; zij helpen hier een kind aan boord
+stijgen, bezorgen ginds een armen schooier vrijen overtocht, koopen
+een brood voor een armen kreupele: in één woord, zij zijn overal
+bezig, om waar zij kunnen de ongelukkigen en behoeftigen onder de
+schare te helpen. Hoewel het jaargetijde reeds vrij ver gevorderd is,
+staan toch nog ongeveer tweehonderd pelgrims op de kaai gereed, in de
+hoop van naar de heilige eilanden te kunnen oversteken. De meesten
+hebben geld genoeg om hun overtocht te kunnen betalen; sommigen
+zelfs zijn rijk. Van deze laatsten zijn er eenigen die te Archangel
+wonen, maar die, in Juni te zeer door hunne zaken bezig gehouden,
+het stille seizoen afwachten om den pelgrimstocht te volbrengen. Ieder
+passagier is voorzien van eene mand met brood en visch, een theedoos,
+een warmen deken, en een paar groote vilten slopkousen, die men 's
+nachts over zijne laarzen aantrekt. Deze bedevaartgangers houden den
+traditioneelen staf in de hand; maar in de plaats van een lederen
+gordel en drinkflesch, hebben zij een samovar (bouilloir) en een beker.
+
+De prijs der plaatsen is zeer laag: in de eerste klasse zes roebels
+(ongeveer negen gulden); in de tweede vier roebels; in de derde drie
+roebels. Hieronder is niet alleen de heen- en terugreis begrepen,
+maar ook het logies in de herberg van het klooster en het eten aan de
+algemeene tafel, gedurende ongeveer een week. Een vijftiental pelgrims
+hebben geen cent op zak: zullen zij op de kaai achterblijven? Neen:
+Vader Johannes heeft tot vasten stelregel, aan niemand den overtocht
+te weigeren.
+
+De bel wordt geluid, de plank ingehaald; wij zijn op weg. Op het
+oogenblik dat wij afvaren, neigen zich honderd hoofden, maken honderd
+handen het teeken des kruises: iedere pelgrim beveelt zich biddend
+aan Gods bescherming. Zoo dikwerf wij langs eene kerk varen, maken
+allen weder het teeken des kruises, ontblooten het hoofd, en prevelen
+een gebed. Sommigen knielen op het dek; anderen kussen het tuig. De
+mannen vooral leggen een grooten ijver, eene vurige vroomheid aan
+den dag; de vrouwen zijn over het algemeen kalmer. De bemanning der
+visschersbooten groet ons eerbiedig in het voorbijvaren; somwijlen
+knielen zij, altijd maken zij het teeken des kruises en nemen de muts
+af. Meer dan één visscher vraagt om voor hem te bidden.
+
+De verdeeling der passagiers aan boord is zeer eenvoudig. Een
+enkele heeft eene plaats genomen voor de eerste klasse: hij heeft
+dus de geheele kajuit tot zijne beschikking. Een scheepskapitein
+en zijne vrouw maken te samen het personeel uit der tweede klasse:
+dit waardig echtpaar heeft lange jaren op zee gezworven en goede
+zaken gemaakt; zij gaan nu te Kem van hunne renten leven. Al de
+andere bedevaartgangers, rijken en armen, kreupelen en blinden,
+kooplieden en bedelaars, kwakzalvers en heiligen, zijn op het dek en
+in de voorkajuit vergaderd. Eene zonderlinge karakteristieke groep,
+waaronder een schilder kostelijke typen zou kunnen vinden voor een
+Sint-Dominicus of een Johannes den Dooper. Hun kostuum en hunne taal
+bewijzen dat zij uit alle deelen van het groote rijk afkomstig zijn:
+uit Ukraine en Georgië, van het Oural-gebergte en de Krim, van de
+golf van Finland en de kusten der Gele-zee. Er zijn er onder hen,
+die om Archangel te bereiken, meer dan een jaar lang hebben gereisd,
+dwars door de kille sneeuwvelden van den winter, door de brandende
+zandvlakten van den zomer.
+
+Sommigen van deze pelgrims, zelfs onder de meest haveloozen, brengen
+voor het klooster eene gave mede, die niet verwerpelijk is. Allen
+storten hunne offerande in de bus, ieder naar de mate van zijn
+vermogen. Zeervelen brengen bovendien geschenken mede van vrienden of
+buren, die zelf verhinderd waren om de dikwijls lange en gevaarlijke
+reize te ondernemen.
+
+Wij zijn tot den mond der rivier genaderd; de scherpe noord-westenwind
+dringt verstijvend door merg en been. In een dikken en zwaren mantel
+gewikkeld, staat Vader Johannes op het dek, met kalme zekerheid
+den gang van zijn schip besturende. Zijne monniken tarten den al
+feller en feller woedenden wind, door een aanheffen van een psalm,
+waarmede pelgrims en soldaten aanstonds instemmen. De passagier van
+de eerste klasse waagt zich een oogenblik op het dek, trots ijzel
+en killen regen: want dit gezang, te midden van het gehuil van den
+wind en het loeien der golven, is voor hem iets vreemds, dat hij
+nog nooit op zee heeft gehoord. Velen van deze zangers zijn in het
+vooronder, ingesloten tusschen zakken met rogge en vaten met vet;
+enkelen lijden vreeselijk aan de zeeziekte: toch mengen verreweg de
+meesten, met ten hemel geheven blikken en van aandoening trillende
+stem, zich in het statige koraal, dat met volle, indrukwekkende tonen
+voortrolt over de duistere, kokende zee. Zij zingen het avondlied:
+nu de zon ter kimme daalt, verheffen zij, naar vrome gewoonte, hunne
+harten tot hunnen Schepper en brengen hem hunne eerbiedige hulde.
+
+De volgende morgen brak aan in duisternis. Iemand verkondigt op het
+dek, dat de zon is opgegaan: maar niemand kan haar zien, want een
+dikke nevel omgeeft aan alle zijden de boot; wij vernemen niets dan
+het klagend huilen van den wind en het kletteren van den regen. De
+_Verra_ moet tegen den middag in de baai van Solowetsk zijn; maar
+reeds vroeg in den morgen deelt Vader Johannes mij in vertrouwen mede,
+dat hij blijde zal zijn, als wij voor vijf uur in de haven komen.
+
+En ook dit uur is reeds lang voorbij, en nog zijn wij niet aan de
+Heilige-eilanden.
+
+Met het zoeken naar eene geschikte ankerplaats langs de kust, verloopen
+nog twee uren; en ik zie met genoegen dat Vader Johannes hoegenaamd
+geen bedenking heeft tegen het gebruik van het dieplood. Eindelijk
+is de geschikte plek gevonden: het anker wordt uitgeworpen; en nu,
+door de heftige branding op en neder gewiegeld, maar veilig voor
+de stormvlagen, liggen wij, in acht vademen diepte, op een kwart
+kilometer van de kust.
+
+Het was een ruwe akelige nacht. De stormwind gierde en bulderde met
+toomeloos geweld; het schip slingerde en danste op de golven. Gelukkig
+dat de bedachtzame pelgrims, nog voor wij in volle zee staken, hun
+maal hadden gebruikt.
+
+Op korten afstand van ons wordt een hollandsche klipper op het strand
+geworpen: de lading is verloren, maar de bemanning wordt gelukkig
+gered. Twee russische sloepen worden voor onze oogen verbrijzeld;
+een daarvan gaat met allen die er in zijn te gronde.
+
+Tegen den morgen gaat de wind eindelijk liggen; in het noordoosten
+kleurt zich de hemel, en in den zachten glans van den rozekleurigen
+dageraad doemen in de verte de groene koepels en de vergulde kruisen
+van het eiland Solowetsk voor onze blikken op. Dit gezicht vervult
+aller hart met blijdschap; de pelgrims, die een tocht van drie-
+of vierhonderd kilometer hebben afgelegd om deze heilige tinnen te
+aanschouwen, kunnen ze nauw met inniger verrukking groeten dan de
+vreemdeling, wien louter nieuwsgierigheid hier henendreef.
+
+Terwijl allen, met vurigen ijver, hunne gebeden opzeggen, varen wij
+langs eene schilderachtige kust, beurtelings met rotspartijen en groene
+dalen geschakeerd, tot wij een kanaal inloopen, waar zeehonden dartelen
+en duiven vliegen. Eindelijk, op een schoonen, kalmen Augustusmorgen,
+te acht uur, werpt de _Verra_ het anker uit in eene stille baai,
+onder de muren van het klooster.
+
+
+
+VII.
+
+DE HEILIGE-EILANDEN.
+
+
+Solowetsk, het voornaamste van eene groep eilanden, op eenigen afstand
+van de kust van Karelië gelegen, is slechts eene kleine bloeiende
+plek gronds, tusschen de drie en vier mijlen lang, en twee tot drie
+mijlen breed. De hevige golfslag in deze bijna altijd door stormen
+bewogen zee heeft de uit veen en steenachtige lagen gevormde kust
+sterk aangetast, en eene menigte kreeken en inhammen gevormd; in het
+midden van het eiland is het water van weêrszijde zoover landwaarts
+ingedrongen, dat niet meer dan eene smalle strook overblijft, waarop
+het klooster is gebouwd.
+
+Het Heilige-eiland ligt juist onder den zes-en-zestigsten graad
+noorderbreedte, iets noordelijker dan Watna Jökull. De vele,
+in het rond verspreidde, kleinere eilanden der groep leveren een
+schilderachtigen aanblik op; de schuimende golven der wilde zee,
+met bulderend gerucht op de rotsen brekende; de met donkergroene
+mossen begroeide stranden, waarboven zich de ernstig sombere pijn- en
+berkenbosschen verheffen; de grillig gevormde, ver in zee uitstekende
+kapen; de bochtige inhammen, waar het onstuimige water tot rust komt;
+de gele duinen en tamelijk hooge, met bosschen bedekte heuvelen:--dit
+alles te zamen vormt een landschap van onbetwistbare romantische
+schoonheid. Op elken heuvel troont eene witte kerk, die haar groenen,
+met een verguld kruis versierden koepel boven het geboomte verheft. Het
+land, de lucht en de zee, alles is in harmonie, boeit en bekoort u;
+het geheele tafereel laat een onuitwischbaren indruk achter, dubbel
+aangrijpend voor ons, na den doorworstelden bangen stormnacht.
+
+Terwijl wij, na aan land gestapt te zijn, langs de kaai voortwandelen,
+merken wij met genoegen overal de teekenen van leven en welvaart
+en beweging op. Lappen, Russen, Samojeden, lieden van allerlei
+nationaliteit en afkomst, loopen op de kaaien heen en weder: Solowetsk
+is niet alleen een gewijd oord, een soort van toovereiland, maar
+ook een brandpunt van beschaving. De aanlegplaats is ruim, de haven
+gemakkelijk en doelmatig ingericht. Aan onze rechterhand zien wij het
+dok, waarvan Vader Johannes met zoo billijken trots heeft gesproken. De
+_Hoop_, die eigenlijk voor het vervoer der pelgrims is bestemd, en
+daar ook veel beter voor geschikt is dan de _Verra_, waarmede wij
+den overtocht gedaan hebben, ligt daar onttakeld.--Ter linkerhand
+verrijst het logement voor de vreemde gasten: een smaakvol, bevallig,
+sierlijk gebouw, dat gerust de vergelijking zou kunnen doorstaan met
+de fraaiste hotels aan de italiaansche meren. Verderop zien wij nog
+een paar kranen, en een paardenspoor, dat van de haven naar een groot
+magazijn van koopwaren loopt.
+
+Langs de kaai strekt zich een lange muur uit, met poorten en torens
+voorzien. Achter dien muur verrijzen de gebouwen van het klooster, met
+het paleis, en de vele koepels en vergulde kruisen. Een breede trap,
+waarvan de onderste treden door de golven overspoeld worden, voert
+naar de Heilige-poort; vlak daarbij staan twee votief-kapelletjes,
+die de plaatsen aanwijzen, waar Peter de Groote en Alexander II,
+bij hun bezoek te Solowetsk, aan wal stapten.
+
+Al de gebouwen dragen een onbedriegelijken stempel van hechtheid
+en sterkte; sommigen zijn betrekkelijk vrij oud. De geduchte muren
+en de zware torens zijn, in de laatste helft der zestiende eeuw,
+van reusachtige, uit zee opgevischte steenblokken gebouwd. Het
+paleis, de kerk en de klokketoren, binnen deze omwalling gelegen,
+zijn de oudste gewrochten van menschelijke kunst op dit afgelegen
+eiland. De kerk der Transfiguratie is veel ouder dan de buitenmuur;
+die der Hemelvaart dagteekent uit den tijd toen Sint-Filippus prior
+van Solowetsk was. Maar behalve door deze aantrekkelijkheid van den
+ouderdom, boeit het Heilige-eiland u ook door den zin voor kunst,
+het gevoel voor kleur en harmonie, dat overal uit de monumenten
+spreekt. De votief-kapellen, hier en daar in het donkere lommer der
+bosschen verscholen, doen eene wonderschoone uitwerking; de roode
+kruisen, in menigte langs den oever geplant, geven aan het geheele
+landschap een eigenaardig ernstig karakter. Eenige ruwe, maar toch niet
+geheel onverdienstelijke fresko's versieren den voorgevel der oude
+kathedraal. Het gewelf der Heilige-poort is evenzoo met schilderwerk
+getooid; de torenspitsen en koepels der kerken zijn een lust voor het
+oog, en schitteren u reeds van verre tegen met haar levendig groene
+verwen en rijke verguldsels.
+
+Hoog boven alle andere gebouwen welft zich een hemelsblauwe, met
+gouden sterren bezaaide koepel, die in de eerste plaats de blikken der
+pelgrims tot zich trekt. Met dankbare verrukking staren zij hem aan:
+want die koepel kroont eene nieuwe kerk, gesticht ter herinnering
+aan het gedenkwaardige jaar 1854, toen de engelsche vloot door de
+genadige tusschenkomst der moeder Gods werd overwonnen.
+
+Van binnen ziet het klooster er veel indrukwekkender en veel prachtiger
+uit dan van buiten. De muren, de torens, de kerken, het logement
+voor de vreemdelingen, de gevangenis: alle gebouwen in één woord,
+zijn van gehouwen en gebakken steenen opgetrokken. Geen portaal, geen
+galerij, geen gang, die niet met schilderwerk is versierd. Het is
+waar: deze schilderijen staan, als kunstwerken, op geen hoogen trap;
+maar ondanks de onbeholpenheid en ruwheid der uitvoering, maken toch
+deze tafreelen, aan de schrift ontleend, een stichtelijker indruk dan
+eenvoudige witkalk. Het schilderwerk in de kerk, op de zuilen en de
+beschotten, die het koor van het schip afscheiden, draagt blijken van
+hooger ontwikkelde kunstvaardigheid: hoewel ook dit zeker geen genade
+zou vinden in de oogen van hen, die alleen voor de meesterstukken
+der italiaansche school hunne bewondering over hebben. De teekening
+is zeer dikwijls zwak, de kleuren zijn schel en zonder harmonie, de
+gouden versiersels zijn in veel te kwistigen overvloed aangebracht;
+toch laat dit mozaïek van goud en kleuren u niet koel, vooral niet
+wanneer de lampen zijn aangestoken, het statig psalmgezang door de
+gewelven weergalmt, de blauwe wierookwolken opwaarts kronkelen, en de
+monniken met hunne lange tabbaarden en zwarte kappen, in eerbiedige
+houding, voor de koninklijke poort geschaard staan.
+
+Tegen den muur van het klooster, dicht bij de Heilige-poort,
+staat een net wit gebouwtje, dat den naam draagt der kerk van het
+wonder. Een pelgrim, zoo luidt de overlevering, die op deze plek een
+stuk tarwebrood at, hem door een weldadigen pope geschonken, liet
+eenige kruimels daarvan op den grond vallen. Aanstonds schoot een
+hond, van zonderlinge gestalte, toe, om deze kruimels op te happen;
+maar het brood begon zich in den muil van het dier te bewegen, zoodat
+hij het niet door kon slikken. Die hond nu was niemand anders dan de
+duivel in eigen persoon. Verschillende menschen waren getuigen van
+deze overwinning, door het gewijde brood op den vorst der duisternis
+behaald; en de monniken van Solowetsk stichtten, tot een aandenken,
+een kapel op de plek waar dit wonder was geschied.
+
+De dagen van ons verblijf waren grootendeels gewijd aan verschillende
+uitstapjes, te voet, te paard of met eene boot, naar de omliggende
+eilanden. Overal dezelfde schoone, indrukwekkende landschappen, rijk
+aan afwisseling en toch zoo geheel hetzelfde karakter dragende. Met
+stille verrukking dwalen wij door de dennen- en berkenbosschen,
+waar de fiere stammen als zuilen ten hemel rijzen, en in het dichte
+kreupelhout kleurige bessen en bleeke noordsche bloemen den wandelaar
+aanstaren. Van tijd tot tijd opent zich het ernstige woud, en volgt
+uw blik de sierlijke golving van eene vredige, groene vallei, in wier
+diepte een helder meertje sluimert. Verkwikkende geuren vervullen de
+lucht; een diepe, weldadige, heilige stilte ligt over het geheele
+landschap uitgebreid. Bij iedere kromming van den weg verrijst een
+smaakvol gebeeldhouwd, rood geschilderd kruis; aan het einde van ieder
+woudpad schuilt in het lommer eene met levendige kleuren beschilderde
+kapel, de stille woning van een of anderen kluizenaar. De grootste
+bekoorlijkheid dankt dit verrukkelijk schoonen landschap echter
+aan zijne schilderachtige meren, in de diepe schaduwen der pijn- en
+berkenbosschen verscholen, wier aantal op de verschillende eilanden
+meer dan honderd bedraagt. Tooverachtig schoon is de aanblik dier
+kalme, heldere waterkommen, van alle kanten door hoog, donker, ernstig
+geboomte omgeven, somwijlen met eilandjes bezaaid, vredig kabbelende
+in de ongestoorde eenzaamheid des wouds. Het beroemdste van al deze
+meren is het zoogenaamde Heilige-meer achter den muur van het klooster,
+waarin de pelgrims zich dadelijk na hunne aankomst gaan baden.
+
+
+
+Geen vrouwelijk wezen mag in den gewijden archipel verblijf
+houden. Op Solowetsk zelf worden de vrouwen niet dan voor zeer
+korten tijd, om haar gebed te doen, toegelaten, en mogen zij, zonder
+bepaalde vergunning, niet overnachten. Dit verbod is afkomstig van
+Sint-Savatius, den eersten kluizenaar, die zich op deze eilanden
+vestigde.
+
+Op zekeren dag, toen hij nabij een meer zijn gebed deed, hoorde hij
+plotseling een kreet, als van eene vrouw die in nood verkeert. In zijne
+cel teruggekeerd, verhaalde hij dit vreemde geval aan den monnik, die
+hem in deze eenzaamheid gevolgd was. Zijn metgezel beduidde hem, dat
+hij zich vergist moest hebben: in deze wildernis was toch geene enkele
+vrouw te vinden, en de kust van Karelië was verre weg. De heilige man
+ging op nieuw naar buiten om te bidden; maar wederom werd hij gestoord
+door luid roepen, jammeren en snikken. Den oever van het meer volgende,
+ten einde te ontdekken vanwaar dat geluid kwam, vond hij eene jonge
+vrouw op den grond liggen, wier lichaam de sporen droeg van slagen en
+mishandeling. Het was de vrouw van een visscher. Op de vragen van den
+kluizenaar, verhaalde zij dat haar, kort na het vertrek van haar man,
+twee jongelingen waren verschenen, met stralend gelaat en in witte
+kleeding; deze jongelingen hadden haar gelast, het eiland te verlaten,
+er bijvoegende dat geene vrouw hier mocht overnachten, aangezien deze
+grond aan God was gewijd. Op hare weigering, hadden de jongelingen haar
+ter aarde geworpen en met roeden geslagen. Toen zij weder loopen kon,
+vertrok de arme vrouw in hare boot, en Sint-Savatius zag haar niet
+terug. Wel kwam haar man, als naar gewoonte, naar, Solowetsk om te
+visschen; maar hij verscheen steeds alleen. Aldus werd de vrouw door
+de engelen van het heilige eiland verdreven.
+
+Sint-Savatius was monnik in het klooster van Belozersk te
+Nowgorod. Onvoldaan met den leefregel in zijn klooster, naar
+strenger tucht en meer volledige afzondering verlangende, wist
+hij een zijner medebroeders, Valaam geheeten, te overreden, hem
+te volgen naar de onherbergzame wildernissen langs de oevers der
+IJszee. De krijgshaftige bojaren ondernamen juist in dien tijd
+telkens nieuwe veroveringstochten naar het noorden: wat zij deden
+om glorie en voordeel, wat de kooplieden deden uit winzucht, zouden
+godvreezende mannen dat niet kunnen doen ter liefde van Christus? Na
+den nacht, voor het altaar geknield, in gebeden te hebben doorwaakt,
+togen dezen edelen en kooplieden naar hun aartsbisschop, en spraken
+tot hem: "Vergun ons, o vladika! heen te gaan, ruiter en ros, om
+nieuwe landstreken voor Sinte-Sophia te veroveren; en geef ons uwen
+zegen!"--En de aartsbisschop gaf zijn zegen: en zij trokken heen vol
+nobele geestdrift, om te Kem, te Soumo, te Sorozka en op vele andere
+punten, nieuwe koloniën te stichten, die de macht en de welvaart
+van het heerlijke Nowgorod hielpen vermeerderen. De groote daden der
+bojaren wekten bij Savatius de vurige begeerte op, hun voorbeeld te
+volgen, en op zijne beurt het zaad des levens te gaan strooien in de
+huilende wildernis, waarheen zij den weg hadden gebaand.
+
+Savatius en Valaam namen den staf op en trokken door onbetreden
+wouden en naakte zandwoestijnen, altijd naar het noorden, tot zij,
+ten jare 1429, aan de oevers van de Wyg kwamen, waar zij een monnik
+vonden, Germanus genaamd, die mede uit het zuiden was gekomen. Alle
+drie richtten zich nu naar het oosten, en bereikten den oever der
+Witte-zee, vanwaar zij een eenzame eilandengroep uit de onstuimige
+wateren zagen opdoemen; zij bouwden nu eene lichte boot, om den zeearm
+over te steken, die hen van deze groep scheidde. Savatius en Germanus
+landden aan het grootste eiland, en hielden stil aan den zoom van
+een klein meer, aan den voet van een met dennen en berken beplanten
+heuvel. Van den top diens heuvels konden zij de gansche eilandengroep,
+en den breeden zeeboezem, van kaap Orloff tot de hooge kusten van
+Kem, overzien.
+
+Savatius had eene beeltenis van de heilige-maagd medegebracht, die hij
+in eene eenvoudige, van planken getimmerde kapel ophing. Daarnevens
+bouwde hij voor zich en zijn metgezel een rieten hut, waarin zij
+te zamen een heilig en vreedzaam leven leidden, aan gebed en vrome
+overdenking gewijd. Na verloop van zes jaren, keerde Germanus naar de
+oevers van de Wyg terug. Savatius, alleen op zijn eiland te midden van
+den oceaan achtergebleven, kon de gedachte niet verdragen dat geen
+priester aan zijn sterfbed zou staan om hem de biecht af te nemen
+en na zijn dood in gewijde aarde te begraven. Hij zette zich dus
+in zijne boot, en kwam naar Sorozka, waar vader Nathanaël de prior,
+die zich bij toeval juist aldaar bevond, hem ontving en de laatste
+sakramenten toediende. De vrome kluizenaar had zijne taak hier op
+aarde voleind: hij legde zich neder om te sterven.
+
+Het lijk werd in de zandige velden van Sorozka ter aarde besteld,
+en op zijn graf verrees eene eenvoudige kapel van dennenstammen, aan
+de heilige-drie-eenheid toegewijd. Sint-Savatius zou waarschijnlijk
+voor altijd daar eene vergeten rustplaats hebben gevonden, indien
+niet een ander man, van doorzettend en ondernemend karakter, zijne
+schreden naar deze plek had gericht.
+
+Een moedig burger van Nowgorod, Gabriël genaamd, had zich met Barbara
+zijne vrouw, in het pas gestichte dorp Tolvoi, nabij het meer Onega,
+gevestigd. Deze lieden hadden een zoon, Zosimus geheeten, die, van
+zijne kindsheid Gode gewijd, reeds als knaap de klooster-gelofte had
+afgelegd. Toen Zosimus den jongelingsleeftijd bereikt had, verdeelde
+hij zijne goederen onder zijne nabestaanden, nam den pelgrimsstaf ter
+hand, en richtte zijne schreden naar het noorden. Te Suma ontmoette hij
+Germanus, die hem verhaalde, hoe hij zes jaren lang, met Savatius, op
+zijne rots midden in de zee, als kluizenaar had geleefd. Zosimus, door
+dit verhaal levendig getroffen, bad Germanus hem de plek te wijzen,
+waar hij en Savatius zoo vele jaren in stille afzondering hadden
+doorgebracht. Germanus gaf toe: een gunstigen wind voerde de beide
+reizigers, in hunne ranke boot, naar het eiland, waar zij in eene
+kleine baai aan wal stapten. De oever was met hoog geboomte bezet,
+en weldra ontdekten de beide pelgrims, in de nabijheid der kust,
+een helder meer van zoet water, rijk aan visschen van allerlei soort.
+
+Terwijl Zosimus op het strand geknield lag, had hij een verrukking
+van zinnen. Aan den oever van dat bevallige, schilderachtige meer
+zag hij, als in geestvervoering, eene indrukwekkende reeks statige
+kloostergebouwen met torens en koepels gekroond. Toen het gezicht
+verdwenen was, sprak hij met zijn vriend Germanus over dit verrukkelijk
+visioen: hij beschreef hem, tot in de kleinste bijzonderheden,
+het voorkomen en de verdeeling der gebouwen, met hunne muren en
+poorten, hunne torens en tinnen en koepels: in één woord, het gansche
+klooster, in al zijne heerlijkheid. De vrome reizigers twijfelden geen
+oogenblik aan de beteekenis van dit gezicht: zij velden aanstonds
+een boom, en hieuwen daarvan een groot kruis, dat zij in den grond
+plantten. Aldus werd het groene eiland--eene oasis te midden van de
+IJszee--plechtiglijk gode gewijd. Dit geschiedde in 1436, een jaar
+na den dood van Savatius.
+
+De twee kluizenaars bouwden zich nu hutten, in de nabijheid van het
+door hen geplante kruis. De plaats, waar deze hutten gestaan hebben,
+wordt thans nog door twee kapellen aangewezen.
+
+Weldra ging het gerucht van deze vrome jongelingen uit door het
+omliggende land, en verspreidde zich van klooster tot klooster;
+al spoedig kwamen eene menigte monniken zich bij hen voegen,
+vol ijver om de kluizenaars te helpen in de heilige taak, die zij
+hadden aanvaard. Het duurde niet lang, of nevens het nederige kruis
+van dennenhout verhief zich eene eenvoudige kerk, en daar geen der
+pelgrims de priesterwijding ontvangen had, zonden zij een hunner
+naar den aartsbisschop van Nowgorod, om zijn zegen op hun werk
+te vragen, en hem tevens te verzoeken hun een priester te zenden,
+die de kerk kon wijden en de mis bedienen. De aartsbisschop gaf aan
+hun wenschen gehoor, en zond Pavel, zijn dienaar, naar Solowetsk;
+deze wijdde de kerk en bediende de heilige mysteriën der godsdienst;
+maar het ruwe klimaat dwong hem weldra, het opkomend klooster weder
+te verlaten. Hij werd opgevolgd door Theodosius, die weinige jaren te
+Solowetsk vertoefde, maar toen door ziekte genoopt werd den herdersstaf
+neder te leggen. Ditzelfde was ook het geval met Yon, den derden prior.
+
+Na het vertrek van dezen laatste, hielden de monniken te zamen raad. Er
+waren nu ongeveer twaalf jaren verloopen, sedert Pavel de kerk had
+gewijd: en reeds hadden drie priors elkander in het bestuur over
+het klooster opgevolgd. De ondervinding had nu geleerd, dat mannen,
+die het grootste gedeelte huns levens in zuidelijker streken hadden
+doorgebracht, op den duur niet bestand waren tegen het ruwe klimaat van
+de Witte-zee. Zij besloten mitsdien den aartsbisschop te verzoeken,
+een uit hun midden tot prior te benoemen; en met algemeene stemmen
+kozen zij Zosimus, die altijd de ziel, en leider en het wezenlijke
+hoofd der kolonie was geweest, tot hun tijdelijk opperhoofd. Zosimus
+liet zich, op aandringen der broederen, de keuze welgevallen;
+hij nam den pelgrimsstaf ter hand en deed, te voet, de lange reis
+naar Nowgorod: een tocht van minstens driehonderd-vijftig mijlen,
+door eene landstreek, die toen, voor verreweg het grootste gedeelte,
+eene ongebaande wildernis was. Hij bereikte zonder ongeval de groote
+stad, en werd door den vladika tot priester gewijd; bovendien wist hij
+van de bojaren eene schenking van den archipel van Solowetsk aan het
+klooster te bekomen. Toen hij in het klooster terugkeerde, was hij met
+de dubbele waardigheid van pope en prior bekleed. Vergunning bekomen
+hebbende om de stoffelijke overblijfselen van Savatius, van Sorozka
+naar Solowetsk over te brengen, liet hij het lijk van den kluizenaar
+opgraven; het lichaam, dat nog geheel ongeschonden was, werd nu met
+groote staatsie naar het eiland vervoerd, en in de krypt der jonge kerk
+bijgezet. Zosimus regeerde als prior gedurende zes-en-twintig jaren,
+en stierf, door de broederen betreurd, in den reuk van heiligheid.
+
+Dit meldt de overlevering aangaande de stichting van het klooster
+te Solowetsk.
+
+
+
+Reeds voor mijn vertrek naar Archangel had ik van den bisschop een
+aanbevelingsbrief aan Feofan, den archimandriet (abt) van Solowetsk
+verzocht en verkregen, en dien vooruitgezonden. Nauwelijks was ik aan
+wal gestapt; of vader Hilarion, een monnik, die in het klooster zoo
+ongeveer de functiën van minister voor de wereldlijke aangelegenheden
+vervult, kwam mij, uit naam van den archimandriet, tot een bezoek
+uitnoodigen. Ik trok haastig andere kleederen aan, en begaf mij daarop,
+met hem en vader Johannes, naar de Heilige-poort. In het voorbijgaan
+werpen wij een blik op de modellen van het jacht en het fregat van
+Peter den Groote, die hier bewaard worden: wij beschouwen vluchtig
+eenige oude fresko's, bestijgen een trap, en staan weldra voor de
+deur der woning van den archimandriet Feofan.
+
+De archimandriet van Solowetsk is een aanzienlijk personage, die
+geen gezag in de kerk boven zich erkent, dan alleen dat der Heilige
+synode. Hij bewoont een paleis; hij geniet een jaarlijksch inkomen
+van vierduizend roebels; bovendien voorziet het klooster in de kosten
+zijner huishouding, zijner tafel, zijner kleeding, en zorgt voor
+het onderhoud zijner booten. Behalve zijn geestelijken titel voert
+hij nog dien van prins: hij bekleedt dus eene zeer hooge positie,
+en regeert, met bijna onbeperkt gezag, niet alleen over de lichamen,
+maar ook over de zielen zijner onderhoorigen.
+
+Een klein mager man, met een ernstig sprekend gelaat, lange gekrulde
+haren en een zwaren baard, treedt ons tot aan de deur te gemoet. Zijn
+hoofd is gedekt met de gewone zwarte muts; op zijn eenvoudigen
+monnikstabbaard schittert een prachtig saffieren kruis. Dat is de
+archimandriet. Na vader Johannes zijn zegen geschonken en mij de
+hand gedrukt te hebben, geleidt hij ons naar eene kamer, met fraaie
+platen langs de wanden en zachte tapijten op den vloer; hij verzoekt
+mij plaats te nemen op een sofa nevens hem, terwijl de beide monniken
+zich op eenigen afstand houden.
+
+De ontvangst is zoo vriendelijk mogelijk; de woning, het rijtuig, het
+jacht van den archimandriet worden, met de grootste wellevendheid,
+te mijner beschikking gesteld; geene moeite wordt gespaard om mij
+het verblijf in het klooster zoo aangenaam mogelijk te maken. Mijn
+vriendelijke, uiterst voorkomende gastheer zorgt zooveel mogelijk
+voor afwisseling, en laat zich zelfs iederen avond een getrouw verslag
+geven van de wijze waarop ik den dag heb doorgebracht.
+
+Driehonderd monniken houden hun verblijf op het heilige-eiland. Aan
+hun hoofd staat natuurlijk de archimandriet; op hem volgen veertig
+monniken, die de priesterwijding hebben ontvangen en popen zijn;
+vervolgens zeventig of tachtig monniken, die de kloostergelofte hebben
+afgelegd; eindelijk de acolythen, de zangers, de dienende broeders,
+de novisen. De scholieren, de gasten de gehuurde bedienden, geen
+geestelijken, vormen eene klasse op zich zelf.
+
+Deze broeders behooren tot elken leeftijd en tot alle standen der
+maatschappij: van den aanvalligen knaap, die aan tafel dient, tot
+den afgeleefden grijsaard, die zijne cel niet meer verlaten kan;
+van den monnik van adelijke geboorte en groot fortuin, tot den armen
+landlooper, die als een schooier op het eiland kwam. Zij dragen allen
+hetzelfde gewaad, eten aan dezelfde tafel, zeggen dezelfde gebeden op,
+leiden hetzelfde leven. Iedere broeder heeft zijne eigene cel, waarin
+hij arbeidt en slaapt; maar allen moeten op de uren des gebeds in de
+kapel, en op het etensuur in den reefter verschijnen, tenzij ziekte
+of groote lichaamszwakte hen daarin verhindert. Zij laten allen hun
+hoofdhaar en baard groeien, en besteden groote zorg aan deze mannelijke
+sieraden, waarop men in Rusland den hoogsten prijs stelt.
+
+Onder deze eerwaarde vaders zijn er niet weinigen, die boven het
+alledaagsche peil verheven zijn. Voorzeker bevinden zich ook onder
+hen enkele bekrompen dweepers; maar den meesten is het ernst met
+hunne roeping, die zij uit wezenlijken aandrang des harten gekozen
+hebben. Een vrij aanzienlijk getal monniken zijn hier als gevangenen
+of boetelingen, uit kloosters in het zuiden en westen herwaarts
+gezonden. Deze laatsten vormen wel de belangwekkendste klasse
+van kloosterlingen. Hun misdrijf bestaat gewoonlijk in overdreven
+ijver; een kritischen, onderzoekenden geest, die met de bestaande
+toestanden geen vrede heeft; eene vurige begeerte naar hervorming,
+naar een terugkeer tot de zuiverheid der eerste tijden. Voor dergelijke
+gebreken heeft een gewone monnik geen medelijden, omdat hij van zulk
+streven en worstelen niets begrijpt; voor de ongelukkigen die daaraan
+lijden, wordt een verblijf van korter of langer tijd in de wildernis
+van Solowetsk een uitnemend geneesmiddel geacht.
+
+Een archimandriet, door de heilige synode tot die hooge waardigheid
+geroepen, moet een man zijn van kennis en wetenschap, bekwaam om de
+broederen te onderwijzen en het hem toevertrouwde huis te regeeren. Hij
+moet een exempel zijn voor allen, dikwijls vasten, veel bidden, des
+morgens vroeg opstaan, en leven, zooals het den heiligen betaamt. De
+broeders slaan hun geestelijken vader nauwkeurig gade. Is hij streng
+jegens zich zelf, dan zullen zij gewillig zijne strengheid over hen
+dragen; maar wee hem, als hij zich zwak toont, als hij fijn linnen
+draagt, als geurige schotels op zijne tafel verschijnen, als de
+riumka--het fijne glaasje, waaruit de brandewijn gedronken wordt--te
+dikwijls zijne lippen beroert. De archimandriet weet dat aller oogen
+op hem zijn gevestigd, en al zijne handelingen nauwkeurig worden
+bespied. En het is niet gemakkelijk allen te voldoen. Deze broeder
+zou wenschen dat een strenger leefregel werd gevolgd; een ander
+oordeelt de tucht reeds nu te hard. Weet de archimandriet zich niet
+de genegenheid zijner onderhoorigen te verwerven, dan komen telkens
+en telkens klachten over hem in bij de heilige synode, tot eindelijk
+een onderzoek wordt ingesteld, en--ter wille van den lieven vrede--de
+aangeklaagde kloostervoogd naar elders wordt verplaatst.
+
+
+
+VIII.
+
+EENS PELGRIMSDAG TE SOLOWETSK.
+
+
+De dag van den pelgrim begint in den vroegen morgen en duurt tot den
+laten avond. Wij zijn nu ook pelgrims: volbrengen wij dus onzen plicht.
+
+Twee uur na middernacht, als het nauwelijks donker geworden is in
+onze cellen, worden wij gewekt door een monnik, die den langen gang
+afwandelt, met zijne schel luidende en roepende: "Staat op, en komt ten
+gebede!" Wij schieten haastig onze kleederen aan, en spoeden ons, uit
+onze warme kamers, naar buiten; mannen en vrouwen, knapen en meisjes,
+zeelui en houthakkers, komen haastig aangeloopen naar de heilige-poort.
+
+Te half drie beginnen de eerste metten in de nieuwe kerk, aan
+de moeder gods gewijd, waarin het gebeente van Sint-Savatius en
+Sint-Zosimus wordt bewaard. Alle lampen branden; en de met levensgroote
+heiligenbeelden beschilderde, rijk vergulde wanden en beschotten
+stralen in dien rosachtigen gloed. Mannen en vrouwen, soldaten en
+boeren richten zich naar den hoek der kerk, waar de lichamen der
+heiligen rusten; allen maken tot zeven malen het teeken des kruises,
+neigen hun hoofd ter aarde, en kussen den steenen vloer voor het
+gewijde graf.
+
+Wij scharen ons in rijen voor het altaar, met genoeg tusschenruimte dat
+ieder knielen en den grond kussen kan zonder zijn buurman te hinderen;
+daar staan wij, blootshoofds, terwijl de pope de liturgie voorleest,
+die de monniken met hun gezang begeleiden. Deze metten zijn eerst te
+vier uur afgeloopen.
+
+Eene tweede dienst begint te half vijf in de oude kathedraal, en duurt
+een uur; de ijverigste pelgrims haasten zich, zoodra de eerste pope
+den zegen gesproken heeft, om de kathedraal te bereiken, waar zij op
+nieuw hunne gebeden uitstorten en den vloer kussen, tot ook de tweede
+pope hun zijn zegen geeft.
+
+Als deze dienst is afgeloopen, blijft den pelgrims een uur over,
+dat zij doorbrengen, hetzij biddende bij de graven der heiligen, of
+wel wandelende in eene lange overdekte galerij, die verschillende
+kerken en andere gebouwen met elkander verbindt. Langs de wanden
+dezer galerij hebben russische schilders van den ouden tijd, in ruwe,
+ongekunstelde tafreelen, die zaligheden des hemels, de smarten van
+het vagevuur en de folteringen der hel voorgesteld. Deze schilderijen
+maken blijkbaar een diepen indruk op onze medepelgrims, hoewel zij
+in oorspronkelijkheid en dramatisch effect niet kunnen wedijveren
+met soortgelijke voorstellingen in de oude gothische kloosters langs
+den Rijn.
+
+Te zeven uur luiden de klokken voor de vroegmis; wij spoeden ons
+naar de Lieve-Vrouwekerk, waar wij, na andermaal voor het graf te
+hebben geknield, op nieuw onze plaats innemen voor het altaar, en
+gedurende anderhalf uur aandachtig luisteren naar de heilige dienst,
+met groote geestdrift gezongen.
+
+Het is nu ongeveer negen uur geworden; de zwakkere broeders mogen thans
+een kop thee gebruiken; maar de sterke pelgrim ontzegt zich dit genot,
+als eene verzoeking des satans: en zelfs de zwakke broeder heeft niet
+veel tijd om zijn geurigen drank te genieten. De groote klok in den
+kloosterhof, een geschenk van den regeerenden keizer, waarschuwt ons
+dat de voornaamste plechtigheid van den dag weldra zal aanvangen.
+
+Met klokslag van negenen verzamelen zich de monniken in de kathedraal,
+om de hoogmis te vieren. De vergadering is voltallig; de lampen
+en kaarsen zijn aangestoken; de diaken begint zijne voorlezing; de
+geestelijke zingen hunne responsoriën; en de dienstdoende priester,
+in zijn schitterend koorkleed gedost, reciteert de overoude Slavische
+liturgie met hare mystieke gebeden en lofverheffingen, begeleid met
+koorgezang en statige muziek. Twee uur achtereen staan wij daar,
+tegenover het van goud en kleuren stralende altaarscherm, op den
+granieten vloer, blootshoofds, velen ook barrevoets, in stille
+verrukking luisterende naar deze edele, indrukwekkende tonen, mede
+getuigen van eene heilige, plechtige ceremonie.
+
+De hoogmis is afgeloopen; en langzaam stroomt de schare uit de
+kerk naar de lange galerij, waar wij nog even ons hart kunnen
+ophalen aan de schilderijen van hel en vagevuur, tot een monnik het
+etensuur aankondigt: eene aankondiging, ook den vroomsten pelgrim
+welkom. De eetzaal is een overwelfd vertrek of liever ruimte beneden de
+kathedraal, en zou in ieder ander land eene krypt worden genoemd. Maar
+bij het bouwen behoort men op het klimaat te letten. In Rusland kan,
+bij de groote afwisseling van hitte en koude, dezelfde kerk niet
+voor winter en zomer dienen: daarom zijn, althans in het noorden,
+de meeste heiligdommen in eene boven- en eene benedenkerk verdeeld;
+de bovenkerk wordt des zomers de benedenkerk des winters gebruikt. Onze
+eetzaal te Solowetsk is de winterkerk.
+
+Langs de wanden en rondom de zware zuil, die het gewelf schraagt,
+zijn lange tafels geplaatst; op die tafels staat voor iederen gast
+een tinnen bord, waarin een houten lepel; een mes en een vork; nevens
+het bord ligt een roggebrood van een pond gewicht. De pelgrims eten
+in groepen van vier, evenals de monniken. In het midden van elke
+groep staat een kleine tinnen schotel, bevattende een in vier stukken
+gesneden gezouten sprot, en vier schijfjes rauwe uien; voorts krijgt
+iedere groep een koperen terrine met zure kwas, en een schotel gekookte
+stokvisch, in kleine mooten gesneden.--Een bel wordt geluid: wij rijzen
+allen op, maken zevenmaal het teeken des kruises, neigen ons ter aarde,
+en zetten ons weder neder. De voorzitter van elke groep strooit zout
+en peper in den schotel, en roert de soep om met den lepel, waarmede
+hij zijn kwas gebruikt. Weer luidt de bel: wij bedienen ons van de
+stokvisch. Een lezer plaatst zich voor den lessenaar, en leest de
+geschiedenis van een of anderen heilige, terwijl een knaap rondgaat
+met een korf met wit brood, door den priester gezegend en in stukken
+gebroken. Iedere pelgrim neemt daarvan een stuk, en eet dat, telkens
+het teeken des kruises makende, tot hij zijn brood genuttigd heeft.
+
+Ten derdenmale klinkt de bel. Algemeene stilte; een zacht gemurmel
+van gebeden. Bedienden treden binnen; onze borden worden weggenomen,
+en een tweede gerecht aangedragen, bestaande uit groentensoep. Dit
+gerecht is spoedig gebruikt. Een nieuwe lezer gaat voor den lessenaar
+staan, en vervolgt de levensgeschiedenis van den heilige. Weer wordt
+er gebeld; op nieuw kruisen allen zich bij herhaling; de bedienden
+verschijnen, en ten tweeden male worden de tafels afgenomen.--Een
+nieuw gerecht wordt opgedragen: haringsoep; de visch, in de baai
+nabij het klooster gevangen, smaakt uitmuntend. Weer een lezer;
+weer een stuk levensgeschiedenis; en dan een vijfde gelui.
+
+Het vierde en laatste gerecht verschijnt: eene soort van podding van
+gerstemeel, die met melk wordt gegeten. Weer een lezer; nogmaals een
+brok van eene heiligen-biographie; en dan een zesde bel. De pelgrims
+staan op; de lezer zwijgt en breekt midden in zijn verhaal af; onze
+maaltijd is gedaan. Toch nog niet geheel. Op nieuw scharen wij ons
+in het gelid; de vrouwen, die in eene andere kamer gegeten hebben,
+komen in de zaal terug, en te zamen heffen wij een psalm aan. Dan
+staan wij voor eenige oogenblikken, in stille overdenking, met gebogen
+hoofd, terwijl een pope aan iederen pelgrim een stuk gewijd brood
+uitreikt. Nogmaals klinkt het schelletje; de monniken heffen een
+danklied aan; een pope spreekt den zegen; en de aanzittenden gaan
+huns weegs, versterkt door het genot van brood en visch.
+
+Het is nu ongeveer twaalf uur. De eerstvolgende kerkdienst begint
+eerst kwart voor vieren. Wij hebben dus al den tijd, en kunnen dien
+best besteden. Wij kunnen het klooster bezoeken; naar het heilige-meer
+wandelen; het graf van Sint-Filippus bezien; de graven der vroomste en
+beste monniken bezoeken; wij kunnen in de sakristie de priesterlijke
+gewaden en kostbaarheden gaan bewonderen. Of wel, wij kunnen in
+booten naar een der naburige eilanden varen: naar Zaet, waar twee oude
+monniken wonen, en eene talrijke kudde schapen in de weide graast; naar
+Muksalmi, waar ons het geloei van runderen en het gekakel en gekraai
+van gevogelte in de ooren klinkt. Deze eilanden voorzien het klooster
+van melk, en eieren: want op het heilige-eiland zelf mag, volgens
+den regel van Sint-Savatius, geen vrouwelijk schepsel verschijnen.
+
+Precies te kwart voor vieren roept een klok ons weder naar de kerk:
+in de kathedraal van onze-lieve-vrouwe begint de vesper. Wederom
+knielen wij bij het graf en kussen den kouden steen, de draperiën, de
+ijzeren tralies; dan scharen wij ons weder voor het altaar en luisteren
+naar het gezang, dat door monniken en knapen wordt aangeheven. De
+dienst duurt tot half vijf. Na den afloop begeven wij ons naar de
+lange galerij, en beschouwen nog eens de zaligheden des hemels en de
+smarten der loutering. Vijf minuten voor zessen spoeden wij ons naar
+de kathedraal, waar de tweede vesper begint, en blijven daar staan,
+blootshoofds en sommigen ook barrevoets, tot half acht.
+
+Te acht uur luidt de bel voor het avondmaal. Allen haasten zich aan
+die welkome uitnoodiging te voldoen; de monniken scharen zich in
+processie; de pelgrims volgen, en in plechtigen optocht begeven wij
+ons naar de krypt, waar wij, evenals bij het middagmaal, de lange
+tafels zien aangericht, met het pond roggebrood, de gezouten sprot,
+de in vier stukjes gesneden uien, en de koperen terrine met kwas. Onze
+avondmaaltijd is eenvoudig eene herhaling van het middagmaal: dezelfde
+gebeden, dezelfde buigingen en zegeningen met het teeken des kruises;
+ook het luiden der bel en het voorlezen van brokstukken uit de
+geschiedenis der heiligen ontbreekt niet. Het eenige onderscheid is,
+dat wij des avond geen gerstepodding met melk krijgen.
+
+Als ieder naar genoegen gegeten heeft en de overgeschoten brokken
+zijn weggenomen, staan wij op, spreken een dankgebed uit, en heffen
+met de monniken den avondzang aan. Een pope spreekt den zegen, en
+wij zijn vrij om naar onze cellen te gaan. Een pelgrim, die lezen
+kan en goede boeken bij zich heeft, behoort echter, eer hij zich ter
+ruste begeeft, een psalm van David of een hoofdstuk uit de levens der
+heiligen te lezen. Te negen uur worden de kloosterpoorten gesloten;
+in den regel moet de pelgrim dan te bed zijn, om eenige uren te slapen.
+
+Twee uren na middernacht gaat de monnik rond met de bel, en roept de
+slapende wakker, om de plichten van den nieuwen dag te vervullen.
+
+
+
+IX.
+
+BIDDEN EN WERKEN.
+
+
+Op de heilige-eilanden wordt niet alleen gebeden, er wordt ook ijverig
+gewerkt. In dit klooster is geen enkele monnik, die een werkeloos leven
+leidt. Niet alleen de broeders, die geen popen zijn, maar ook zij,
+die den herdersstaf voeren en den pelgrims hun zegen geven, houden
+zich, althans voor het meerendeel, onledig met het vervaardigen van
+allerlei nuttige voorwerpen, van sieraden voor de kerk, van huisraad
+en meubelen voor den reefter en de cellen. Anderen vervaardigen
+voorwerpen, die buiten het klooster verkocht worden: kleederen,
+rozenkransen, lepels, schotels en dergelijke zaken.
+
+Langs den binnenmuur loopt eene aaneengeschakelde reeks van
+werkplaatsen, waar de arbeid niet poost van den vroegen morgen tot
+den laten avond: smederijen, timmerwerven, weverijen, touwslagerijen,
+leerlooierijen, brouwerijen, melkerij, mandenmakerij; werkplaatsen
+voor het zouten van vleesch en visch, voor het inleggen van groenten en
+vruchten, enz.;--in één woord, alle bedrijven, die voor de menschelijke
+samenleving noodig en nuttig zijn, vindt ge hier bijeen; de goede
+monniken maken daarbij veelvuldig gebruik van de uitvindingen en
+hulpmiddelen der moderne industrie. Bij uitnemendheid bedreven in alle
+takken van handenarbeid, paren zij aan deze technische bekwaamheid
+zooveel smaak en zoo vindingrijk vernuft, dat ge bijna niets bedenken
+kunt wat niet door deze monniken wordt vervaardigd, van een eenvoudig
+snoer van glaskoralen tot een volledig opgetuigd fregat. Nergens wordt
+zoo fijn en voedzaam brood gebakken, nergens zulke voortreffelijke kwas
+gebrouwen. Terwijl vader Hilarion mij door deze werkplaatsen rondleidt,
+wachten mij telkens nieuwe verrassingen. Nooit had ik kunnen gelooven
+dat zulke fraaie, degelijke en tevens zoo hemelsbreed verschillende
+zaken inderdaad vervaardigd waren door monniken, in een eenzaam eiland
+als gevangen, en gedurende acht maanden van het jaar door sneeuwstormen
+en ijsschotsen van iedere gemeenschap met de buitenwereld afgesneden.
+
+Deze geestelijke heeren vervaardigen kappen en gordels van
+zeehondenvel; zij schilderen met olieverf en snijden kunstig beeldwerk
+in hout; zij bereiden het leder, breien wollen kousen, en gieten
+en smeden ijzer; zij spinnen vlas en linnen; zij polijsten steenen;
+zij maken vilten schoenen en slobkousen, rijtuigen en sleden, touwen
+en kabels, tinnen en houten borden en schotels, en bloemen van papier;
+zij verstaan de kunst om vruchten in te leggen en om korfjes en mandjes
+te vlechten van de schors van den zilverden; zij zagen en houwen
+steenen; zij vellen en kappen boomen; zij smeden ankers en zoeken
+honing uit; zij teekenen plannen voor altaren, kerken, kloosters, en
+weten uitnemend met de borduurnaald om te gaan;--en al wat zij in deze
+zoozeer verschillende vakken leveren, is een model van zorgvuldige,
+smaakvolle, degelijke bewerking. Zijn er onder de broeders, die aanleg
+hebben voor het landbouwbedrijf, ook die kunnen gelegenheid vinden,
+hun talent te gebruiken: zij verzorgen het vee, scheren de schapen,
+mesten het gevogelte; zij maken boter en kaas: doch alleen op de
+eilanden, waar dergelijke bedrijven worden toegelaten. Anderen kweeken
+bloemen en poten aardappelen, verzorgen de bijenkorven, maaien het
+gras, zamelen de vruchten in, en verrichten alle bezigheden, die in
+veld en akker en gaarde noodig zijn.
+
+Wij beginnen onze wandeling met de bakkerij, die wel de eer verdient
+van het eerste bezoek. Van alle omliggende dorpen langs de kust komt
+men herwaarts om brood; sommigen koppen, anderen bedelen het; iedere
+pelgrim, die Solowetsk bezoekt, neemt bij zijn vertrek een groot
+brood, als reisgave, mede. Er wordt hier tweeërlei brood gebakken:
+tarwe- en roggebrood. Het laatste, dat zeer goedkoop is, wordt bij
+iederen maaltijd gebruikt; het eerste, dat gewijd en zonder gist
+gebakken wordt, is duur: het is heilig brood, dat alleen bij zekere
+gelegenheden wordt gegeten. Beide soorten zijn overigens zeer goed. De
+gewijde brooden wegen slechts zeven of acht ons: zij zijn versierd met
+een kruis, in een opschrift met Slavische letters gevat. Deze brooden
+worden door de geloovigen met grooten eerbied behandeld; en de vrome
+pelgrim, die een klooster zoo als Solowetsk, Sint-George of Troïtza
+bezoekt, kan zijn vrienden of bloedverwanten met geen welkomer geschenk
+verrassen, als herinnering van zijne bedevaart, dan met zulk een brood.
+
+De brouwerij is in hare soort niet minder voortreffelijk dan de
+bakkerij. De kwas vervangt voor den Rus de plaats van bier en wijn:
+het is de nationale drank, geliefd bij alle standen, en die bij de
+bereiding van bijna alle spijzen, bij genoegzaam alle maaltijden,
+gebruikt wordt. De kwas van Solowetsk behoort tot de beroemdste en
+meest gezochte soorten.
+
+In de nabijheid bevinden zich de werkplaatsen, waar borden en lepels
+uit hout gesneden en beschilderd worden. De levenswijze in deze
+noordsche wildernissen is nog aartsvaderlijk eenvoudig; vorken zijn
+zeldzaam, en messen een artikel van weelde. Bij den maaltijd bedient
+men zich hoofdzakelijk van lepels. Bijna alle spijzen worden zacht
+gekookt of in vloeibaren staat op tafel gebracht: in het midden staat
+een diepe schotel, en de eenvoudige gasten scharen zich in het rond,
+ieder met zijn grooten lepel gewapend. Het bord en de lepel zijn
+van hout gesneden, en somwijlen sierlijk en met smaak bewerkt en
+beschilderd; de fraaisten worden door de pelgrims als een aandenken
+gekocht en zorgvuldig bewaard.
+
+Ziehier eene andere industrie: de mandenmakerij. In de noordsche
+wouden is aardewerk schaarsch en duur, en daarbij lomp en ruw. De
+lieden dezer streek moeten dikwijls lange voetreizen maken: het zou
+bezwaarlijk vallen, zich op die tochten met eenige potten en pannen
+te belasten. In plaats daarvan heeft men manden en korfjes, die van
+boomschors worden gevlochten, lichter zijn dan kurk en gemakkelijker
+te vervoeren dan tinnen kannen of schotels. Zij worden met een deksel
+gesloten, en zijn van een hengsel voorzien. Die korfjes zijn volkomen
+droog en zoo dicht, dat men er zelfs melk in vervoeren kan; toch
+hebben zij den aangenamen, harsachtigen geur behouden van van het
+hout, waarvan zij vervaardigd zijn. Gij kunt ze van alle afmetingen
+krijgen, van de grootte van een peperbus tot die van een waterkruik;
+zij kosten slechts eenige kopeks het dozijn.
+
+De eigenlijke manden zijn grooter en minder fijn bewerkt; zij
+zijn bestemd voor tochten over hobbelige rotsachtige wegen of
+door moerassen. Deze manden zijn in vakken verdeeld, waarin ge
+wijnflesschen, lepels en vorken bergen kunt. Moet ge eene lange reis
+maken, dan is het raadzaam, in het open middenvak van uw mand eenige
+korfjes van boomschors mede te nemen, waarin ge kleine benoodigdheden,
+zooals mosterd, zout, room en dergelijke bergen kunt.
+
+Onder de veelsoortige werkplaatsen, die wij bezoeken, behoort ook de
+weverij, in een der torens van den buitenmuur: een toren, die niet
+alleen de bijzondere aandacht verdient om de uitnemendheid van het
+werk, dat hier vervaardigd wordt, maar ook om de belangrijke rol,
+die hij gespeeld heeft bij de verdediging van Solowetsk tegen de
+engelsche vloot. Het kanonschot, dat, naar men zegt, de _Brisk_
+tot wijken dwong, werd uit den Weverstoren afgevuurd.
+
+In een zonnig hoekje boven op den wal staat een sierlijk photographisch
+atelier; in de onmiddellijke nabijheid ziet ge eene reeks nieuwe
+gebouwen, waarin de werkplaatsen der schilders en graveurs, die echter
+geene andere dan uitsluitend kerkelijke kunst beoefenen. Sommigen
+doen niets meer dan werken van andere meesters kopiëeren; maar ook de
+meest begaafden onder hen overschrijden toch nooit de conventioneele
+grenzen, door de kerkelijke traditie gesteld. De kunst verkeert hier
+nog in het stadium harer ontwikkeling: zij staat nog geheel en al
+onder de heerschappij dier starre, levenlooze byzantijnsche school,
+waarvan de patriarch Nikon een zoo groot voorstander was, en die hij,
+voor de versiering van kloosters en kerken, tot wet en regel stelde.
+
+Maar de vrome vaders troosten zich over deze tekortkomingen: hunne
+grootste kracht openbaart zich op een ander gebied: dat van den
+scheepsbouw en wat daarmede samenhangt. Zij zijn, en met recht,
+trotsch op hetgeen zij daarin tot stand hebben gebracht. Velen van
+hen brengen het grootste gedeelte van hun leven aan boord door,
+en zijn met hartstochtelijke liefde aan de zoute zee gehecht. Zij
+bezitten een aantal booten en scheepstuig in overvloed, dat zij zelf
+vervaardigen. Zij richten vuurtorens op, en bakenen het vaarwater af;
+zij timmeren booten en sloepen, en hebben het bewijs geleverd, dat op
+de werven van Solowetsk een stoomschip in al zijne deelen volledig
+kan worden gebouwd, alleen de machine uitgezonderd. Dit stoomschip
+heet _de Hoop_. Zijne bemanning bestaat hoofdzakelijk uit monniken;
+en de gezagvoerder is niet alleen monnik--zooals vader Johannes--maar
+zelfs pope. Toen ik dezen priesterlijken schipper voor het eerst zag,
+bediende hij de mis voor het altaar. Na afloop van de dienst nam de
+eerwaarde vader mij mede, om mij zijn schip en het dok, waarin het
+vaartuig lag, te laten zien. Met levendige belangstelling bezocht ik
+_de Hoop_, merkwaardiger in mijn oog, dan bijkans eenig ander schip. Is
+toch niet eene stoomboot, door monniken aan de kusten der IJszee
+gebouwd, in hare soort eene even groote zeldzaamheid als de toren
+der Lieve-Vrouwekerk in Antwerpen of de Dom te Keulen? De gedachte om
+dat stoomschip te bouwen was in het brein van een monnik opgerezen;
+het plan was door de hand van een monnik geteekend; monniken velden de
+boomen, en smeedden de bouten, en vlochten de touwen; monniken voegden
+al deze deelen samen; monniken tuigden het vaartuig op, beschilderden
+de kajuit en bekleedden de kussens der banken. Monniken lieten haar
+te water, en hebben sedert met hunne eigene boot de wilde wateren
+der Witte-zee doorkruist en de stormen getart.
+
+Het dok, waarop vader Johannes zoo fier was, is niet maar een gewoon
+dok, maar zelfs een droog dok. Dergelijke werken zijn in Rusland
+eene groote zeldzaamheid, in het geheele rijk zijn er maar enkele
+havens, die een dok bezitten. Noch te Archangel, noch te Astrakhan
+zult ge er een vinden. Alleen in steden zooals Riga en Odessa, door
+vreemdelingen gebouwd en bewoond, treft ge dergelijke werken van
+openbaar nut aan. Het drooge dok te Solowetsk is het eenige in geheel
+het eigenlijke Rusland. Kronstadt--het is waar--bezit een droog dok:
+maar Kronstadt is minder een russische, dan wel een duitsche haven, met
+een duitschen naam. Het eenige werk van dien aard op echt-russischen
+grond is--karakteristiek genoeg--eene schepping van monniken.
+
+Niet enkel gewone kloosterlingen, ook priesters nemen aan al dezen
+arbeid deel. Wanneer een monnik de wijding ontvangen heeft, staat het
+hem volkomen vrij, zich uitsluitend tot de dienst der kerk te bepalen:
+maar in het klooster van Solowetsk is het eene zeldzaamheid, dat
+een pope alleen de plichten van zijn ambt waarneemt. Arbeidzaamheid
+is hier het merk van een waarlijk godsdienstig leven. Toont een der
+broederen bijzonderen aanleg voor een of ander bedrijf of kunst te
+bezitten, dan vindt hij zoowel bij zijne geestelijke overheid als bij
+zijne medebroeders alle aanmoediging om zijne roeping te volgen, en de
+vruchten van zijn arbeid Gode te wijden. De eene pope is landbouwer;
+een ander schilder; een derde visscher; deze zoekt geneeskundige
+kruiden; die kopiëert oude handschriften een derde bindt boeken
+in, enz.
+
+Van al deze beroepen is dat van onderwijzer niet het minst
+begeerlijke. De kinderen, die te Solowetsk ter school worden gezonden,
+blijven er minstens een jaar, en somwijlen langer. De inrichting der
+school is hoogst eenvoudig, en het onderwijs bepaalt zich tot het
+volstrekt noodige: trouwens de school is ook hier een getrouw beeld
+van den toestand des lands; voedsel en ligging verschillen niet veel
+van hetgeen ge in iedere _isba_ (boerenwoning) vinden kunt. Wanneer
+een knaap, na verloop van zijn leertijd, in het klooster wenscht te
+blijven, kan hij zich als werkman verhuren, hetzij op de landhoeven
+of bij de visscherij. In den zomer ontvangt hij het voedsel der
+monniken: brood, visch en kaas; des winters krijgt hij gerookt
+schapenvleesch--eene lekkernij, waarvan zijne meesters niet proeven
+mogen. Velen van deze knapen blijven hun leven lang op het eiland; zij
+mogen niet huwen, maar zijn daarentegen van kost en inwoning verzekerd,
+vrij van de militaire dienst en van alle huiselijke zorgen. Enkelen
+treden in den geestelijken stand. Keeren zij later in de wereld terug,
+dan strekt hun verleden hun tot aanbeveling voor het verkrijgen van
+eene of andere betrekking; in ieder geval weten zij hun eigen weg
+te vinden, want een jonkman, die eenige jaren te Solowetsk heeft
+doorgebracht, heeft niet alleen geleerd zich zelven te helpen, zijn
+eigen eten te bereiden en zijne kleederen te maken, maar verstaat
+ook altijd een of meer ambachten, waarmede hij den kost verdienen kan.
+
+
+
+X.
+
+DE ZWARTE GEESTELIJKHEID.
+
+
+Bijna alle Russen van aanzienlijken of beschaafden stand zien met
+verachting neder op hunne ordens-geestelijken, op de zoogenaamde
+Zwarte geestelijkheid, aldus genoemd naar de kleur van hun gewaad. Zij
+beschouwen de kloosterlingen in het algemeen als een hoop onbeschaafde
+lieden, als onwetende, zedelooze leegloopers, die tot niets dienstig
+zijn, en die, hoe eer hoe beter, behooren opgeruimd te worden. "Weg
+met de monniken en kloosters!" is het wachtwoord van verreweg de
+meeste jonge vrijzinnige Russen.
+
+En zij die aldus spreken, zijn niet altijd spotters en ongeloovigen,
+verklaarde vijanden van iedere godsdienstige overtuiging, van elke
+geestelijke of kerkelijke instelling. Neen, zeer dikwijls zijn het
+ernstige mannen, die hunne kerk liefhebben, den priester hunner
+parochie gaarne ondersteunen, en die niets liever wenschen dan hun
+vaderland den eersten rang onder de christelijke mogendheden te
+zien innemen. In Rusland, zeggen zij, leven tienduizend monniken:
+eene overtollige, om niet te zeggen schadelijke bevolking; het beste
+wat men zou kunnen doen; is, er soldaten van te maken, opdat zij ten
+minste het land van eenig nut zijn.
+
+Deze niet altijd billijke vijandschap der beschaafde klassen tegen de
+kloosterlingen vindt eenigermate hare verklaring in den hardnekkigen
+tegenstand, dien schier te allen tijde iedere maatregel tot hervorming,
+hetzij op staatkundig, hetzij op kerkelijk gebied, bij de monniken
+heeft ontmoet. Om zich van deze stemming der gemoederen en den aard der
+bestaande spanning volledig rekenschap te kunnen geven, is het noodig
+den omvang en den oorsprong van de macht der monniken van naderbij
+te bestudeeren. De afdwaling van ons eigenlijk onderwerp zal slechts
+schijnbaar zijn: onze studie zelf zal ons naar Solowetsk terugvoeren.
+
+Een woestijn met kloosters bezaaid;--de naam zou niet slecht passen
+voor de gansche onmetelijke landstreek, die van de Poolzee tot de
+tartaarsche steppen reikt. Voor Nieuw-Rusland, voor de gouvernementen
+van Kazan en de Krim, voor de streken langs de Beneden-Wolga en
+voor Siberië, ware deze beschrijving onjuist: maar het eigenlijke
+Groot-Rusland is voor de monniken een waar paradijs. Van Kem aan den
+oever der Witte-zee tot Bjelgorod aan de grenzen der Ukraine,--een
+afstand van omstreeks duizend (engelsche) mijlen;--en van Pskow, nabij
+het meer Peïpus, tot Wassil aan de Wolga--een afstand van ongeveer
+zevenhonderd mijlen--is het gansche land als overdekt met kloosters,
+klinkt u overal het welluidend klokgelui tegen.
+
+Ge kunt u moeilijk iets treurigers en naargeestigers denken dan
+een russisch woud, tenzij dan eene russische vlakte. Het woud is
+eene opeenvolging van dwergachtige berken en pijnen; de boomen zijn
+allen genoegzaam even hoog en even dik; de eentonige donkere lijn
+wordt slechts nu en dan afgebroken door een stinkend moeras of een
+vaalkleurig, levenloos meer. De vlakte is eene onafzienbare hei,
+zonder eene enkele verheffing van den grond, zonder een enkelen boom,
+zonder eene enkele stad, op eene uitgestrektheid van misschien honderd
+mijlen; eene naakte hei, met schraal, armelijk, bruin gras begroeid;
+en hier en daar met eene verzameling van ellendige leemen hutten, in
+modder en slijk verzonken, waaraan de naam van dorp kwalijk voegt. De
+schrikkelijke eenvormigheid van zoodanig landschap ware niet uit te
+houden, indien niet telkens het oog van den reiziger geboeid, zijn
+hart verkwikt werd, door het gezicht van een klooster, dat op een
+open plek in het woud, aan den zoom der eenzame vlakte, zijn stralend
+kruis en schitterend bemaalde torens ten hemel heft; een klooster met
+zijn krans van groen, zijn wit-gepleisterden voorgevel, zijn groep
+van vergulde of beschilderde koepels. De wouden rondom Kargopol, de
+moerassen langs het meer Ilmen, de vlakke velden rondom Moskou, danken
+aan de kloosters kleur en leven; terwijl zoo menig kleiner convent,
+wegduikende in de schemerende diepte des wouds, of den eenzamen
+rivieroever verlevendigende, met vroolijken ernst den reiziger groet.
+
+De oude steden van Groot-Rusland--Nowgorod, Moskou, Pskow,
+Wladimir,--zijn veel rijker aan kloosters dan hare mededingers
+van later tijd. De oevers van de rivier de Wolchow, die de oudste
+metropolis van Rusland besproeit, zijn over eene uitgestrektheid van
+vele mijlen boven en beneden de stad, met oude godsdienstige gestichten
+bezaaid. De voorsteden van Nowgorod prijken met de prachtige kloosters
+van Sint-George, Sint-Cyrillus en Sint-Antonius van Rome. Moskou is
+omgeven van een breeden krans van kloosters en abdijen--Simonoff,
+Donskoï, Troïtza, Danieloff, Alexiewski, Iwanowski, en nog vele
+anderen; Pskow heeft haar prachtig convent der katakomben, in
+heerlijkheid ternauwernood onderdoende voor het klooster van gelijken
+naam te Kiew.
+
+Evenwel is het er verre van, dat al deze vrome stichtingen juist uit
+vroeger tijd zouden dagteekenen. Rusland verkeert nog in het tijdperk,
+waarin godsdienstige geestdrift een der machtigste drijfveeren in
+het leven des volks en der individuen is:--een tijdperk, dat aan den
+middeleeuwschen heldentijd der germaansche wereld denken doet. Wat
+echter voor ons, behoudens enkele uitzonderingen, tot het verleden
+behoort, is hier nog eene zeer levende werkelijkheid, wier kracht en
+invloed zich telkens openbaart. Ik wil daarvan een voorbeeld aanvoeren.
+
+In het jaar 1803 werd in eene der ellendige hutten van het kleine dorp
+Pretchistoi, nabij de stad Wladimir, een lijfeigene geboren, van zoo
+lagen stand dat zijn geslachtsnaam in vergetelheid is geraakt. Jaren
+lang leefde hij, als andere eigenhoorigen, op het landgoed van
+zijn heer; hij huwde twee malen een meisje van zijn eigen stand,
+en won drie zonen, die voorspoedig opgroeiden. Tot dusverre was
+zijn leven gelijk geweest aan dat zijner lotgenooten; maar toen hij,
+op zeven-en-dertig jarigen leeftijd, voor de tweede maal weduwnaar
+geworden, door zijn heer werd vrijgelaten, verliet hij zijn dorp en
+begaf zich naar Troïtza, nabij Moskou. Daar nam hij den naam van
+Filippus aan, kleedde zich in een pij en kap, en groef voor zich
+zelven een hol onder den grond. In deze onderaardsche woning sleet
+hij vijf jaren; toen zocht hij een ander verblijf op, nog beter aan
+zijn wenschen beantwoordende, en wel op het kerkhof, te midden der
+graven van het klooster; daar bracht hij twintig jaren door. Hij had
+zijne vrijheid te lief, om zich door het afleggen der kloostergelofte
+daarvan te berooven: maar door de ondervinding geleerd, dat ook in
+Rusland, als elders, in spijt van het spreekwoord, de pij den monnik
+maakt, kleedde hij zich in grof sergie en omgordde zijne lendenen
+met een zware ketting. Aldus uitgedost toog hij naar Moskou, naar
+den metropolitaan Philarethes, vroeg dien prelaat om zijn zegen, en
+tevens om de vergunning zijn naam te mogen aannemen. De aartsbisschop
+schiep behagen in dien zonderlingen bedelmonnik, en willigde zijn
+verzoek in: en van dat oogenblik werd de voormalige lijfeigene van
+Pretchistoi door den ganschen omtrek bekend als Philarethes-Ouchka
+(Philarethes de Kleine).
+
+Het kerkhof van Troïtza ligt op eene stille eenzame plek, aan den
+oever van een schilderachtig meer, omgeven door donkere bosschen. Te
+midden dezer groenende grafheuvelen sloeg de monnik zijne kluis
+op. In het klooster van Troïtza kocht hij, voor twee kopeks per stuk,
+eenige kruisen en heiligenbeelden; hij ging daarmede door de straten
+en langs de huizen van Moskou, en deelde ze, met zijn zegen, aan
+de lieden uit, zonder iets te vragen, maar aannemende wat men goed
+vond hem te geven. De een schonk hem een roebel, een ander tien, een
+derde honderd: iedere gave was hem welkom. Weldra had hij een niet
+onaardig kapitaaltje in de bank. De prenten brachten hem meer op dan
+de kruisen; want, naar de algemeene overtuiging des volks, brengen de
+eersten zegen aan, terwijl de anderen boden zijn van ongeluk. Schonk
+Philarethes aan eene of andere vrome vrouw een kruis, dan keerde zij
+huiswaarts, bezwaard van harte. Het symbool des christelijken geloofs
+is in Rusland nog niet afgedaald tot den rang van een gewoon sieraad
+of toilet-artikel. Geene russische boerin zou het in de gedachte
+komen, zich met een kruis op te tooien; ook zoekt ge het vergeefs
+als ornament in de woningen der aanzienlijken. De priester draagt een
+kruis; het kruis straalt op de kerktorens en koepels: maar zeldzaam
+zult ge het gewijde teeken, hetzij in schilder- of beeldhouwwerk,
+in een gewoon huis vinden. Toch draagt iedere rechtgeloovige Rus een
+kruis, dat hij nooit aflegt--het is dat, hetwelk hem bij zijn doop
+om den hals wordt gehangen; maar dit is geen sieraad.
+
+Zonderling in kleeding, manieren en spreekwijze, droeg
+Philarethes-Ouchka noch schoenen noch kousen; in plaats van de gewone
+russische begroeting: "Het ga u wel!" sprak hij de lieden aan met
+de woorden: "Uw engelbewaarder geve u een blijden dag!" In zijne cel
+en op al zijne tochten was hij steeds vergezeld door een ander, niet
+minder zonderling personage, Iwanouchka, Johannes de Kleine (familiaar
+Jantje) genoemd, die nooit sprak, maar altijd zong. Iwanouchka zong
+in zijne cel, zong op den weg, zong langs de huizen, zong in de
+kerk. Aan den toon waarop hij zong, herkende men de gemoedsstemming
+van zijn meester; en uit het zingen van Iwanouchka kon menige arme,
+eenvoudige vrouw reeds vooraf berekenen of zij van Philarethes dien
+dag een kruis of een heiligenbeeldje te wachten had.
+
+Vooral bij den kleinen, neringdoenden burgerstand stond de kluizenaar
+in groot aanzien. De meer aanzienlijke dames hielden zich op een
+afstand: niet omdat hij geld van haar vroeg, maar omdat hij hare mooie
+kamers vuil maakte. De uiterlijke verschijning van deu vromen man was
+toch niets minder dan bevallig: maar zijne verregaande onreinheid,
+zijne verroeste ketting, zijne met stof en vuiligheid bedekte huid,
+zijne ongekamde haren, waren, in de oogen zijner trouwe volgelingen,
+zoo vele teekenen zijner uitnemende heiligheid. De vrouwen der
+kooplieden en winkeliers van Moskou dweepten met hem. Eene dame
+verhaalde mij eens, dat toen zij op zekeren dag een bezoek ging
+afleggen bij eene harer vriendinnen, de echtgenoote eens koopmans van
+het eerste gilde van Moskou, zij deze voor den kluizenaar geknield
+vond, bezig zijne voeten te wasschen. En dit was niet maar een ijdele
+beleefdheidsvorm: want Philarethes liep barrevoets, en de straten
+van Moskou zijn met harde keien geplaveid en bij uitnemendheid
+morsig. Zekere bejaarde juffer Seribrikoff placht er zich op te
+beroemen, dat het haar eenmaal vergund was geweest, de wonden van den
+heiligen man te reinigen. Jonge bruiden baden hem op hare bruiloft
+te verschijnen: want bij zulke gelegenheden was hij vaak gewoon
+te profeteeren; en met godsdienstigen eerbied werden de duistere
+woorden opgevangen, waarin de aanduiding van het toekomstig lot der
+jonggehuwden lag opgesloten. Op zekeren dag was hij op de bruiloft
+van Gospodin Sorokin, een der rijkste inwoners van Moskou; plotseling
+wendde hij zich tot de bruid en sprak: "Als de feesten voorbij zijn,
+zult ge uw man met honing moeten zalven." Niemand begreep wat hij
+zeggen wilde; maar drie dagen later was Sorokin een lijk: nu was de zin
+der voorspelling openbaar, want bij eene russische begrafenis mag geen
+honing ontbreken. Natuurlijk won het geloof aan de profetische gave van
+Philarethes, door zulk een opzienbarend feit, niet weinig in kracht.
+
+Eene zijner ijverigste en vermogendste volgelingen, Mevrouw Loguinoff,
+schonk hem eene aanzienlijke som gelds, om daarvoor een klooster
+en een kerk te bouwen; en toen deze heiligdommen te midden der graf
+heuvelen van Troïtza waren verrezen, scheen de taak van den bedelmonnik
+voltooid. Toch waren de laatste levensjaren van Philarethes-Ouchka
+niet de gelukkigste. Zijn machtige beschermheer was gestorven; en
+Innocentius, de nieuwe metropolitaan, een ernstig man, vol ijver
+voor zijn geloof, had weinig op met de zonderlinge praktijken van
+den kluizenaar, en verklaarde zich tegen hem. Philarethes verliet nu
+zijn klooster en trok naar het dorp Tcheglowe, in het gouvernement
+Toela, waar hij een nieuw klooster bouwde. Daar stierf hij in 1868,
+ruim vijf-en-zestig jaren oud. De beide door hem gestichte kloosters
+worden nu door gewone monniken bewoond.
+
+Dergelijke verschijnselen mogen zeker wel als ongezonde openbaringen
+van het godsdienstig leven worden beschouwd. Toch zoekt de zwarte
+geestelijkheid daarin een wapen tegen de spotternijen en aanvallen
+eener vijandig gezinde wereld, die aan dezen staat van zaken een
+einde maken wil. In dien strijd is het voordeel tot dusverre aan de
+zijde der monniken. De liberale opinie en de moderne wetenschap zijn
+hun vijandig; maar deze beide machten zijn in Rusland, immers bij de
+overgroote meerderheid des volks, nog in geenen deele inheemsch, zij
+staan, in zekeren zin, buiten het nationale leven. Daarentegen hebben
+de monniken op hunne zijde de traditie, de ingewortelde gewoonte, de
+overgeleverde piëteit. Ook beschikken zij over alle hooge kerkelijke
+betrekkingen, en over zeer groote levende krachten op allerlei
+gebied. De vrouwen zijn voor hen; voor hen is ook de meerderheid der
+landelijke bevolking. Te allen tijde hebben de vrouwen zich bijzonder
+aangetrokken gevoeld door de monniken, wier gelofte hen bindt allen
+omgang met haar te vermijden; en er zijn weinig steden in Rusland,
+waar men u niet weet te verhalen van een of anderen eerwaarden vader,
+die, even als Philarethes de Kleine, door eene gansche schare van
+lieve discipelinnen gevolgd en gevierd werd.
+
+De monniken hebben niet alleen alle geestelijke macht in handen,
+maar de elementen zelf, waaruit deze macht is samengesteld, zijn
+in hun bezit. Hunner zijn de kloosters, de katakomben, de heilige
+plaatsen. Zij bewaren de beenderen der heiligen; uit hun midden
+komen nieuwe heiligen voort. In het gouden boek der russische kerk
+komt geen enkele naam voor van een gekanoniseerden wereldlijken
+priester. De monniken bezitten de gave der zelfverloochening en de
+gave der wonderen--twee zoo machtige en invloedrijke factoren in een
+land als Rusland.
+
+
+
+Zelfverloochening is voor den Rus het onbedriegelijkst merk van het
+ware geloof, de hoogste kroon van een Gode gewijd leven. Ook deze
+eerste en edelste aller deugden neemt echter dikwerf zonderlinge vormen
+aan. In het vorige jaar (1868) stierf in het krankzinnigengesticht
+te Moskou een man, Iwan Jacowlewitch genaamd, eene zonderlinge
+vermaardheid verworven had. Velen hielden hem voor krankzinnig; anderen
+vereerden hem als een heilige. Daar de eersten de meerderheid hadden,
+sloten zij hem op, en hielden hem tot aan zijn dood onder geneeskundige
+behandeling en toezicht.
+
+Deze Iwan, burger der kleine stad Cherkosowo, achtte zich geroepen,
+zijne gezondheid, en alle gemakken en genietingen des levens den
+Heer ten offer te brengen. Op jeugdigen leeftijd reeds legde hij
+de plechtige gelofte af, nimmer zijn aangezicht te zullen wasschen,
+noch zijne haren te kammen; nimmer zijne lompen te zullen afleggen;
+nimmer op een stoel of bank te gaan zitten; nimmer aan een tafel
+te eten, noch een mes of vork te gebruiken. Krachtens deze gelofte
+leefde hij als een hond, op den grond liggende en zijne spijzen
+opslurpeude. Toen men hem in het krankzinnigengesticht bracht, werd
+hij behoorlijk gewasschen en van nieuwe kleederen voorzien: maar
+aanstonds verontreinigde hij die, en zijne oppassers kwamen spoedig
+tot de overtuiging, dat het onmogelijk was hem zindelijk te houden.
+
+Inmiddels ging de roep van hem uit door de gansche stad, en het
+duurde niet lang, of de cel van Iwan Jacowlewitch was eene gevierde
+bedevaartsplek geworden. Niet alleen dienstmeiden en boerinnen,
+maar deftige burgervrouwen, kwamen hem dagelijks opzoeken,
+brachten hem allerlei lekkernijen, gaven hem geld ten geschenke,
+en vertelden hem hare dierbaarste geheimen. Op den grond gezeten,
+staarde hij met half wezenloozen blik zijne bezoekers aan, en mompelde
+eenige onsamenhangende woorden, die zijne hoorders, met de uiterste
+inspanning, trachtten te verstaan en te ontcijferen. Somwijlen maakte
+hij balletjes van de kruimels zijner koekjes; en wanneer kranken bij
+hem genezing kwamen zoeken, stopte hij hun deze vuile pillen in den
+mond. Deze man nu heette "uitzinnig om des Heeren wil."
+
+De directeur van het gesticht liet hem naar eene ruime kamer
+overbrengen, waar hij zijne bezoekers kon ontvangen. Men wist dat hij
+stapelgek was; dat dit drukke bezoek en die gedurige aandoeningen
+allernadeeligst voor hem waren: maar de toeloop was zoo groot en
+de begeerte van het publiek om hem te zien zoo levendig, dat de
+uitspraken der wetenschap en de regelen van het gesticht daarvoor
+zwichten moesten. Toen de arme krankzinnige eindelijk stierf, was de
+ontsteltenis onder de lagere volksklasse in Moskou algemeen; en eenigen
+tijd na zijn dood las men in het Dagblad van Moskou eene oproeping, om
+voor dien man in zijne geboorteplaats een gedenkteeken op te richten.
+
+In den regel neemt echter deze zucht voor zelfverloochening een
+anderen, minder aanstootelijken vorm aan: dien van afzondering van de
+wereld. Het kluizenaarsleven geldt als het Gode gevallige leven bij
+uitnemendheid. Alle afdeelingen der oostersche kerk--de armenische,
+de koptische, de grieksche--werken deze richting in de hand: maar
+geene andere kerk kan op zulk eene menigte kluizenaars wijzen als
+de russische. Haar kalender wemelt van de namen van kluizenaars en
+asceten; en hetgeen men van de ontberingen en zelfkastijdingen dezer
+lieden verhaalt, is somwijlen bijna ongeloofelijk. Zoo vertelt men
+van zekere zuster Maria, die zich in een rotsspleet liet opsluiten;
+zij kreeg haar voedsel door een gat in de rots, en bracht twaalf
+jaren in dit levend graf door.
+
+Ongeveer veertig mijlen van Moskou, niet verre van de abdij van
+Troïtza, bevindt zich eene soort van monniken-kolonie, Grethsemané
+genaamd en bestaande uit een klooster en katakomben, door een meer van
+elkander gescheiden. Het klooster, een type van armoede en ellende,
+is van ruwe boomstammen opgetrokken, die ternauwernood geverfd
+zijn. Nergens is een spoor van goud of zilver te bespeuren; alle
+sieraden zijn van cypressenhout. De monniken dragen tabbaarden van
+de gemeenste sergie, en voeden zich met de schraalste spijs. Geene
+vrouw mag deze heilige plek betreden, dan eenmaal in het jaar, op
+den dag van Maria-Hemelvaart.--Aan gene zijde van het meer bevinden
+zich de katakomben, diep in den grond uitgegraven. Wij staan voor
+de nauwe opening, die naar deze onderaardsche verblijven voert, en
+steken ieder onze kaarsen aan; een monnik maakt het teeken des kruises,
+prevelt eenige onverstaanbare woorden, en daalt de smalle trap af. Wij
+volgen langzaam, een voor een, zwijgend, zoo dicht mogelijk langs den
+muur voortgaande. Eene benauwde lucht komt ons tegen; een zonderling
+dof geluid treft onze ooren; wij ademen met moeite in dezen zwaren,
+bedorven dampkring. De kaarsen flikkeren en branden al flauwer in
+de dikke duisternis. In een smallen gang zien wij enkele getraliede
+vensters, nauwe openingen en met ijzer beslagen deuren: dit zijn
+toegangen naar cellen. Het gewelf is doortrokken van vocht; op den
+grond kruipen allerlei ongedierten.
+
+"Hush!" fluistert de monnik, als wij langs enkele getraliede vensters
+en met ijzer beslagen deuren heen gaan, als vreesde hij dat wij
+de rust der dooden zouden storen.--"Wat is dit voor eene opening
+in den muur?"--De monnik staat stil en beweegt zijn spookachtigen
+fakkel. "Een cel, zegt hij; hier ligt een goede man. Hush! zijne ziel
+is nu bij God!"--"Dood?"--"Dood voor de wereld--ja."--"Hoe lang is
+hij hier?"--"Hoe lang?--Elf jaar en langer."
+
+Wij gaan met eene huivering voorbij dit levend graf, en treden
+weldra uit den nauwen gang in eene kleine kerk. De lamp brandt voor
+het altaar; twee monniken liggen geknield, met het aangezicht ter
+aarde; een priester zingt, op doffen toon, de liturgie. Achter dit
+kerkje bevindt zich de heilige put, waarvan het water, naar men zegt,
+heilzaam is voor lichaam en ziel.--Toen wij weer boven waren gekomen,
+vroegen wij nadere inlichtingen omtrent den kluizenaar, die langer
+dan elf jaar in dit onderaardsche hol zou hebben doorgebracht;
+wij vernamen nu dat hij van tijd tot tijd uit zijn graf verrijst,
+om de kloosterklok te luiden, hout te halen, en zich op de hoogte te
+houden van hetgeen er al zoo omgaat.
+
+Maar deze begeerte naar zelfverloochening openbaart zich ook nog op
+andere, minder sombere wijze. In de kloosterhoven van Solowetsk kunt ge
+een zonderling wezen zien, in lompen gehuld, zich voedende met afval
+en op den grond slapende, die, zonder de gelofte te hebben afgelegd,
+toch als behoorende tot de monnikenorde wordt beschouwd. Hij rekent
+zijn leven eene verbeurde weldaad, en wijdt zich zelven dagelijks
+ten offer. Hij streeft naar de afzichtelijkste verworpenheid, en
+wil in zijn eigen persoon de nietigheid en de ellende van al het
+aardsche zichtbaar vertoonen. Deze wonderlijke man wordt vooral
+door de pelgrims uit de lagere volksklasse in hooge eere gehouden
+en bijna als een heilige beschouwd, vader Nikita--zoo heet hij--is
+nog geen vier-en-een-halven voet hoog: in Rusland vooral mag hij
+dus met recht een dwerg worden genoemd. Een dunne grijze baard,
+verwarde haren, een donkerkleurig gelaat, en kleine scherpe
+oogen--ziedaar zijn portret. Nooit besmet hij zijn lichaam door
+de aanraking met water of zeep; nooit kamt hij zijn haren of zijn
+baard: wat toch is de mensch, dat hij zich zou verhoovaardigen op
+zijn vleesch? Zijne kleeding bestaat uit vodden en lompen; want hij
+versmaadt het betamelijke en warme gewaad van den monnik. Heeft hij
+dringende behoefte aan eenig kleedingstuk, dan gaat hij niet naar
+het magazijn, maar naar de bergplaats waar de afgedragen kleederen
+worden bewaard, en vraagt van den monnik, met het opzicht daarover
+belast, de versleten en weggeworpen plunje van een of anderen armen
+broeder. In het klooster staat eene cel tot zijne beschikking: maar
+ook een houten bank en een strooien peluw zijn nog veel te goed voor
+een wezen van stof en slijk; en ten teeken zijner diepe onwaardigheid,
+brengt hij den dag door op de kaai, den nacht op de binnenplaats van
+het klooster. Nooit heeft hij zich laten overhalen in den reefter
+nevens de andere monniken plaats te nemen: kaas, roggebrood, stokvisch
+zijn voor hem ongeoorloofde lekkernijen; maar wanneer de maaltijd is
+afgeloopen en de tafels afgeveegd, sluipt hij naar de spijskamer,
+zamelt de weggeworpen brokken en afgekloven beenderen op, en stilt
+zijn honger met hetgeen de boeren en bedelaars hebben laten liggen.
+
+In de kerk wil hij nooit zijne plaats onder de andere geloovigen
+innemen; nimmer wil hij door de heilige-poort gaan. Als de dienst is
+begonnen, sluipt hij naar een donkeren hoek der kerk, en luistert,
+met het aangezicht op de steenen, naar de gebeden en lofzangen. Het
+is hem een genot door de menigte geschopt of vertreden te worden. Hij
+maakt zich tot aller dienaar, en is immer gereed elk bevel, door wien
+ook gegeven, te volvoeren; ontdekt hij onder de schare een of anderen
+schooier, zoo vuil en ellendig dat iedereen hem schuwt, dan zoekt
+hij dien verlatene op en groet hem als zijn meester. In den winter,
+als de sneeuw in dichte lagen den grond bedekt, slaapt hij op de
+binnenplaats in de open lucht; des zomers, als de hitte op het hoogst
+is geklommen, gaat hij blootshoofds in de zon liggen. Wie hem bespot,
+mishandelt, besteelt, is zijn vriend. Als alle lieden van zijn stand,
+is hij verzot op geld: maar juist dezen hartstocht maakt hij dienstbaar
+aan de loutering zijner ziel: hij vlecht korfjes van berkenschors,
+en verkoopt die, voor twee kopeks het stuk, aan matrozen en pelgrims;
+hij wikkelt het kopergeld in een vuillapje of stuk papier, en verbergt
+het hier of daar onder een steen, in de hoop dat iemand het zal zien
+en het geld zal wegnemen.
+
+
+
+Uitnemender nog dan de gave der zelfopoffering, is de gave
+der wonderen, en ook deze beweert de zwarte geestelijkheid te
+bezitten. Hare wonderen behooren niet tot een ver verleden, maar tot de
+geschiedenis van den dag; zij geschieden niet in het verborgen, in een
+of anderen vergeten hoek, maar op klaarlichten dag, in groote steden,
+ten aanschouwe der gansche wereld. Ook hiervan een paar voorbeelden.
+
+Seraphim, een koopman van Kursk, verliet zijne vrouw, zijne kinderen en
+zijn handel, en werd monnik. Hij trok naar het klooster, de Woestijn
+van Sarow genaamd, in het gouvernement van Tambow; daar groef hij
+een gat in den grond, waarin hij verblijf hield en overnachtte. Het
+gebeurde op zekeren tijd dat dieven hem overvielen; zij sloegen en
+mishandelden hem, maar bevindende dat hij niets bezat, begrepen zij
+dat zij met een heilige te doen hadden. Weldra ging nu het gerucht
+van hem heinde en verre uit; van alle kanten kwamen de geloovigen
+hem bezoeken, geschenken medebrengende van brood, kleederen en
+geld, die hij allen aannam, om ze vervolgens aan de armen uit te
+deelen. Zijne woestijn werd welhaast eene volkrijke plaats, en het
+klooster van Sarow werd door het gansche land beroemd.--Op tien
+mijlen afstands van zijne eigene kluis, stichtte Seraphim een tweede
+klooster voor vrouwen. Van een edelman ontving hij een stuk gronds ten
+geschenke; kooplieden gaven hem het noodige geld: want zijne gunst
+werd begeerlijker geacht dat het bezit van geld of goed. Schoone en
+aanzienlijke vrouwen kwamen hem bezoeken; zij namen haar intrek in
+het huis, dat hij voor haar had gesticht, en waar zij van de wereld
+afgezonderd konden leven, zonder zich door de kloostergelofte voor
+altijd te verbinden. Eindelijk gebeurde er een wonder. Eene lamp,
+die voor eene beeltenis der Heilige-Maagd hing, ging plotseling uit,
+terwijl Seraphim op den grond lag geknield; het werd duister in de
+kapel; de pelgrims voelden zich onthutst; toen eensklaps, tot verbazing
+van allen die het zagen, een lichtstraal van de schilderij uitgaande
+de lamp weder deed ontbranden!--Een tweede wonder volgde spoedig. Op
+zekeren dag stond eene schare armen voor Seraphim's cel; wachtende
+op brood. Hij zag zijn voorraad na, en bespeurde dat hij maar twee
+brooden had: wat zou hij met twee brooden aanvangen tegenover deze
+hongerige schare? Hij riep tot God--en zie, twintig brooden lagen op
+zijne tafel! Sedert ging er geen jaar voorbij, zonder dat er een of
+ander wonder te Sarow gebeurde; de voorbeelden van genezing waren
+talrijk; en voor zijne cel verdrongen zich kreupelen en blinden,
+dooven en stommen, om door hem verlost te worden van hunne kwalen.
+
+Seraphim stierf in 1833; toch geschieden er nog voortdurend wonderen op
+zijn graf, tot op dezen dag. Reeds door het volk heilig geacht, wacht
+hij zijne plechtige canonisatie nog slechts van de kerk. Iedere nieuwe
+keizer maakt een heilige, zooals in Turkije iedere nieuwe sultan een
+moskee bouwt; en de publieke opinie wijst Seraphim aan als den man,
+die zijne heiligverklaring van Alexander III wacht.
+
+Nog beroemder is Tikhon, weleer bisschop van Woronesj, thans een
+erkende heilige van de orthodoxe kerk: Tikhon is de officiëele heilige
+van de tegenwoordige regeering; hij dankt zijne canonisatie aan den
+regeerenden keizer.
+
+Timotheus Sokoloff, de zoon van een armen voorlezer in eene dorpskerk,
+werd in het jaar 1724 in de provincie Nowgorod geboren, die aan
+Rusland zoo vele heiligen geschonken heeft. De voorlezer had een
+groot gezin en een gering inkomen. Timotheus werd al vroeg bij een
+boer op eene naburige hoeve in dienst gedaan. Des daags op het veld
+arbeidende, des nachts in de schuren toevende, weinig slapende en
+nog minder etende, wist hij toch gelegenheid te vinden om lezen en
+schrijven te leeren. Hij werd nu naar eene pas geopende school te
+Nowgorod gezonden, waar hij zoo ijverig leerde en arbeidde, en zoo
+groote vorderingen maakte, dat hij, na afloop van zijn leertijd, tot
+onderwijzer bij die school werd benoemd. Maar zijn hart was niet bij
+het onderwijs. Reeds als kind was het zijn lust, gewijde liederen te
+zingen, de mis bij te wonen, alleen te zijn met zijne boeken; mitsdien
+vermeed hij zooveel mogelijk den omgang met menschen en schuwde hij de
+vermaken der jeugd. Een gezicht bepaalde zijne keus voor zijn volgend
+leven. "Toen ik nog onderwijzer in de school was,--zoo verhaalde
+hij later aan een vriend--placht ik geheele nachten op te zitten,
+lezende en peinzende. Op zekeren nacht in Mei, begaf ik mij naar
+buiten. Het was prachtig weder, en een heldere, onbewolkte lucht. Ik
+zag naar de fonkelende sterren, en heilige gedachten van eeuwig leven
+en hemelsche heerlijkheid rezen in mijne ziel op. Plotseling opende
+zich de hemel voor mijn blik: een gezicht, in geen menschelijke taal
+weder te geven. Mijn gansche hart werd als van zaligheid overstroomd;
+en van dat oogenblik kende ik geen vuriger begeerte dan de wereld
+te verlaten."
+
+Weinige jaren nadat hij de monnikspij aangetogen en zijn wereldlijken
+naam Timotheus voor dien van Tikhon verwisseld had, werd hij uit zijne
+nederige cel geroepen om den bisschoppelijken zetel te bestijgen, eerst
+te Nowgorod, later te Woronesj. Het bisdom van Woronesj, aan de grenzen
+der tartaarsche steppen gelegen, had eene zeer eigenaardige, half wilde
+bevolking: Kozakken, Kalmukken, Malo-Russen: een wonderlijk mengelmoes
+van allerlei stammen, die een zwervend leven leidden, lui, roofzuchtig,
+aan dronkenschap en onmatigheid ten prooi. De geestelijkheid was
+misschien nog dieper gezonken dan de leeken. Woronesj bezat geene
+scholen; de popen konden ter nauwernood lezen; de heilige dienst
+werd slecht en oneerbiedig afgeraffeld. De geheele bevolking was
+in allerlei zonde en ongerechtigheid verzonken. Tikhon aanvaardde,
+met zeldzamen moed, den strijd tegen deze overmacht des kwaads, en
+tastte het in den wortel aan, beginnende met de geestelijkheid. Ten
+einde den priesterlijken stand te verheffen, en hen die zich daarvoor
+voorbereidden, achting voor zich zelf in te boezemen, verbood hij het
+gebruikelijke geeselen op de seminariën. Deze hervorming was slechts
+een voorteeken van hetgeen volgen zou. Langzamerhand wist hij door
+leer en voorbeeld zijne geestelijkheid te bekeeren; hij noopte hen als
+priesters te leven, alle onmatigheid en ongerechtigheid te schuwen,
+en zich als ware dienstknechten Gods te gedragen. Binnen twee jaren
+hervormde hij de scholen en zuiverde hij de kerk. Met niet minder zorg
+waakte hij over de hem toevertrouwde kudde; ook daar ging hij het kwaad
+te keer. Meermalen moest hij harde woorden spreken: maar zoo groot was
+de eerbied, dien allen voor den goeden, ernstigen bisschop gevoelden;
+dat niemand zijn gebod dorst te overtreden. "Gij moet doen wat Tikhon
+u zegt," spraken de burgers en landlieden menigmaal tot elkander;
+"anders zal hij u bij God verklagen." De bisschop zelf ging allen
+voor. Hij kleedde zich zoo eenvoudig mogelijk; hij gebruikte de meest
+alledaagsche spijzen; de wijn werd onaangeroerd van zijne tafel naar
+de zieken gezonden. Hij was de vriend der armen, en ging alleen dan de
+rijken bezoeken, wanneer geen ellendigen of ongelukkigen zijne hulp
+behoefden. Het geheim van Tikhon's macht lag in zijn onberispelijken
+wandel, in zijne medelijdende teederheid, in zijn edel liefhebbend
+hart:--trouwens, waar elders schuilt de macht van alle waarlijk edelen
+en goeden, van alle echte volgelingen des Heeren? "Gebrek aan liefde,
+placht de waardige herder te zeggen, is de oorzaak van al onze ellende;
+hadden wij onze broeders hartelijker lief, het zou ons lichter vallen
+smart en moeite te dragen; de liefde weet alle leed en alle pijn te
+verzachten en te genezen."
+
+Zoo leefde hij twee jaren in Nowgorod, vijf jaren in Woronesj, tot een
+zegen voor allen, die hem leerden kennen: toen werd de begeerte naar
+afzondering hem te sterk. Hij legde den herdersstaf neder, verliet
+zijn bisschoppelijk paleis, en trok zich terug in het klooster van
+Zadonsk, eene kleine stad aan de Don, waar hij zich onledig hield
+met schrijven en het bezoeken van armen. Maar ook nu was zijn arbeid
+gezegend en rijk aan gevolgen: Tikhon was een der eersten, zoo niet de
+eerste, die openlijk optrad als voorspraak en pleitbezorger voor de
+lijfeigenen. Vijftien deelen van zijne hand hebben het licht gezien;
+naar men zegt, zijn er nog vijftien deelen in handschrift aanwezig;
+en sommigen van deze werken hebben vijftig herdrukken beleefd. Zijne
+grootste verdienste als schrijver bestaat wel hierin, dat hij de
+vrijlating der lijfeigenen voorzag, voorbereidde en onvermoeid
+verdedigde en aanprees.
+
+Vijftien jaren lang leidde hij het leven van een heilige. Als
+vriend en voorspraak der verdrukte lijfeigenen, ging hij op zekeren
+dag naar het kasteel van een prins in den omtrek van Woronesj, om
+dezen te onderhouden over het ongelijk dat zijn onderhoorigen werd
+aangedaan, en hem om Jezus wil te bidden, medelijden te hebben met de
+armen. Tikhon zeide ronduit wat hij te zeggen had; de prins maakte
+zich boos; het kwam tot vrij hooge woorden, en in een oogenblik van
+drift gaf de prins hem een slag in het aangezicht. Tikhon stond op
+en verliet het huis; maar toen hij een eind weegs was voortgegaan,
+begon hij te begrijpen dat hij zelf verkeerd had gehandeld, niet
+minder dan zijn beleediger. Deze man, zoo sprak hij bij zich zelf,
+heeft iets gedaan, waarover hij, als zijn drift voorbij is, zich zal
+schamen; en wie heeft aanleiding gegeven tot deze booze daad? "Het was
+mijne schuld, antwoordde de boetprediker, keerde zich om en ging terug
+naar het kasteel. Daar wierp Tikhon zich aan de voeten van den prins,
+hem vergeving vragende omdat hij hem tot toorn had geprikkeld en tot
+zonde verleid. De prins was, door deze onverwachte verschijning, zoo
+getroffen, dat hij zich nevens den monnik op de knieën wierp, diens
+handen kussend, en zijne vergiffenis en zegen afsmeekende. Van dien
+dag was de prins een ander mensch, door geheel de provincie bekend
+en geliefd als een vriend en vader zijner onderhoorigen.
+
+Tikhon bereikte den ouderdom van tachtig jaren. Voor zijn dood
+voorspelde hij aan de broederen van zijn klooster nauwkeurig den dag
+van zijn sterven: en deze voorspelling werd letterlijk vervuld. Hij
+werd in de kloosterkerk begraven, en weldra stroomden van alle
+kanten scharen van bedevaartgangers naar zijne grafstede. Want van
+het gebeente des heiligen mans ging kracht uit tot genezing der
+kranken: de kreupelen werden gezond, de blinden ziende, de gebogenen
+opgericht. De stemme des volks vorderde de heiligverklaring van
+dezen vriend der lijfeigenen; en de tegenwoordige keizer, aan die
+roepstem gehoor gevende, noodigde de heilige synode uit, het voor
+de canonisatie gevorderde onderzoek in te stellen. Eene commissie
+werd benoemd; de zaak werd onderzocht; de wonderen worden bewezen;
+vervolgens werd het graf geopend. Een geur van bloemen steeg uit de
+lijkkist op; het lichaam was ongeschonden, bloeiend en frisch: het
+besluit der canonisatie werd geteekend in het jaar 1861, het jaar
+der groote emancipatie. Tikhons naam is onafscheidelijk aan dien
+maatregel verbonden.
+
+Maar het grootste wonder uit dien nieuweren tijd, het schitterendst
+bewijs der bijzondere bescherming Gods over het heilige Rusland,
+is de verdediging van Solowetsk door de moedermaagd, toen de
+engelsch-fransche vloot in 1854 de heilige-eilanden bedreigde.
+
+Zoodra te Petersburg de tijding was ontvangen, dat eene engelsche
+vloot naar de Poolzee koers had gezet, werden door het ministerie
+van oorlog de gewone maatregelen van tegenweer genomen, voor zoover
+dat, in de bestaande omstandigheden, mogelijk was. Zes oude stukken
+vestinggeschut, die eene plaats in een museum hadden verdiend,
+werden van Archangel naar het klooster gezonden, tegelijk met vijf
+artilleristen en vijftig liniesoldaten, uit het invaliden-corps
+gekozen. Aan het hoofd dezer krijgsmacht stond een officier, die
+echter spoedig overleed, juist toen de engelsche schepen in de
+Witte-zee waren gekomen.
+
+In hun eersten schrik hadden de monniken de kostbare gewaden
+en kerksieraden, de charters en edelgesteenten naar de steden
+in het binnenland gezonden, vader Alexander, de archimandriet,
+had gebeden en bijzondere diensten in de verschillende kerken en
+kapellen uitgeschreven; hij zelf bediende de mis voor de graven
+van Savatius en Zosimus, in de krypt der kathedraal, en ook voor de
+wonderdoende afbeelding der heilige maagd, door Savatius naar het
+eiland gebracht. Naarmate de tijdingen onrustbarender werden en het
+gevaar naderde, sterkte de archimandriet de broederen door toespraak
+en vermaning, hen opwekkende al hun vertrouwen op God te stellen en
+van hem alleen de hulpe te verwachten.
+
+In den morgen van dinsdag, 18 Juli 1854, berichtten de wachters dat
+twee fregatten kaap Beluga waren omzeild;--de archimandriet schreef
+een driedaagsche vasten uit. De beide fregatten wierpen het anker uit,
+op zeven mijlen afstands van de kust:--de archimandriet beval dat
+de kloosterklok zou worden geluid voor eene bijzondere dienst ter
+eere der Allerheiligste Moeder Gods. Als een der oude hebreeuwsche
+koningen, ontdeed hij zich van zijn plechtgewaad, vernederde zich voor
+het oog der eerwaarde vaders, en bad voor de graven van Savatius en
+Zosimus geknield. Toen nam hij het wonderdoende beeld der Panagia
+(de Alheilige, bijnaam der Maagd Maria in de oostersche kerk) van
+den wand, en droeg dit in statigen ommegang langs de wallen, gevolgd
+door al de monniken. En zie--de beide fregatten lichtten het anker,
+en verwijderden zich.
+
+Echter, daar de schepen in het richting van Kem waren weggestoomd,
+bestond er alle reden om te vreezen, dat zij terug zouden komen. De
+vaandrig Niconowitsj, die het bevel over de kompagnie invaliden
+op zich had genomen, ging op verkenning van het strand uit, twee
+drieponders door het zand met zich medevoerende; terwijl een aantal
+pelgrims en werklieden zich vrijwillig aanboden om de wacht te
+betrekken. Niconowitsj wierp, van zand en graszoden, eene soort
+van batterij op, waarachter hij zijn geschut plaatste; ook werden
+acht kleine veldstukjes op de torens en wallen geplaatst, waarna de
+monniken hunne gebeden hervatten.
+
+Den volgenden dag werd een donkere rookkolom in de heldere zomerlucht
+zichtbaar. De twee schepen, die weldra bleken de _Brisk_ en de
+_Miranda_ te zijn, stoomden de baai binnen. De _Brisk_ begon den
+aanval: zij vuurde met schroot op het klooster. Het scheelde weinig, of
+de archimandriet, die op de kaai stond, ware door een kogel getroffen;
+de monniken, verschrikt door het ratelend geschut, vloden naar het
+binnenplein, en sloten de heilige-poort achter zich toe.
+
+Een zekere Drushlewski, een onderofficier, die met tien man en een
+kanon in den Weverstoren stond, beantwoordde het vuur der Engelschen;
+waarop het fregat, zich naar den toren keerende, dezen de volle laag
+gaf. Drushlewski raapte den hem toegeworpen handschoen op; maar
+daar hij slechts weinig buskruit had, spaarde hij zijne krachten
+en berekende zijne slagen. De _Brisk_ vuurde dertig malen; slechts
+driemalen werd het kanon in den Weverstoren afgeschoten. Het laatste
+schot deed het engelsche fregat afdeinzen: de kogel was in de zijde
+van het schip gedrongen en had een man gedood.
+
+De nacht werd in gebeden doorwaakt. De archimandriet kuste Drushlewski,
+en gaf aan allen, die in de Weverstoren waren geweest, zijn zegen. Toen
+de zon aan de kimme verdwenen was, waren de fregatten uit het gezicht;
+maar toch was niemand gerust; het gevaar was nog niet geweken.
+
+De volgende dag, donderdag 20 Juli, was een der grootste heiligedagen
+in den russischen kalender: het was de feestdag van Onze-Lieve-Vrouwe
+van Kazan: een dag waarop in geheel Rusland geen ploeg door het land
+gedreven, geen fabriek geopend, geen school gehouden wordt. Evenals
+naar gewoonte, werden, ten half drie in den morgen, de metten in de
+kathedraal gezongen; juist was het _Te Deum_ geëindigd, toen een sloep,
+de witte vlag voerende, van de _Brish_ afstak en naar de kaai voer. Zij
+bracht een brief voor den archimandriet, waarbij de overgave van
+het klooster werd geëischt, met bepaling tevens dat de bevelhebber
+in persoon zijn zwaard moest overgeven, en dat het garnizoen
+krijgsgevangen zou worden. De engelsche admiraal Ommaney waarschuwde
+den archimandriet, dat wanneer een schot van de wallen werd gelost,
+het bombardement onmiddellijk zou beginnen. De archimandriet zeide,
+dat hij zijn antwoord aan den admiraal zou zenden. Dit antwoord was
+eene uitdrukkelijke weigering om de sleutels van het klooster over te
+geven; een pelgrim, Soltikoff genaamd, werd met de overbrenging belast.
+
+De admiraal las den brief, en verklaarde dat alle verdere
+onderhandeling overbodig was, en het bombardement aanstonds zou
+beginnen. Met moeite stond hij eenig uitstel toe; nauwelijks had
+Soltikoff de heilige-poort bereikt, of de eerste bom vloog over de
+wallen van het klooster. Het was nu kwartier over zevenen. Juist
+toen de engelsche schepen hun vuur openden, riep de kloosterklok de
+monniken ten gebede. Bommen, kogels en granaten daalden in suizende
+vaart en met ratelend gerucht, als een hagelbui, op de muren en koepels
+neder; rusteloos woedde de verdelgende oorlogsorkaan daar buiten: toch
+werd de heilige dienst den ganschen dag door onverpoosd voortgezet,
+en zweeg in den tempel de stem des gebeds geen oogenblik! Terwijl de
+schare geknield lag, sloeg een bom in den koepel van de kathedraal,
+vernielde de houten kap, en deed de zoldering naar beneden tuimelen. De
+balken vatten vuur; de gansche kerk werd met rook gevuld; de vensters
+rammelden, de deuren vlogen open; het gansche gebouw dreunde en
+sidderde op zijne grondslagen;--de ontzette schare wierp zich met het
+gelaat op de steenen. Een man alleen behield zijne tegenwoordigheid
+van geest. Voor de koninklijke poort staande, riep de archimandriet
+zijn kinderen toe: "Blijft! blijft! Weest niet verschrikt; de Heer
+zal de zijnen bewaren!"--Opziende, zagen de monniken en pelgrims den
+eerwaardigen grijsaard, staande voor het altaar, kalm en onversaagd,
+terwijl groote tranen langs zijne wangen biggelden. Dit gezicht
+bezielde hen met nieuwen moed. Zij sprongen op, haalden water, doofden
+de vlammen uit, ruimden de neergestorte planken en balken weg; en nadat
+de kerk gereinigd was, bogen zij zich op nieuw ter aarde en baden.
+
+Voor de graven van Savatius en Zosimus werd de dienst den ganschen
+dag voortgezet. Eenmaal trof een kogel het altaar; de dienstdoende
+pope sprong terug; de gemeente boog in ontzetting het aangezicht
+ter aarde. Ieder dacht dat zijn laatste uur gekomen was; en in hunne
+bekommering vroegen velen om het laatste sakrament. Vader Varnau zette
+zich in den biechtstoel, nam de geloovigen de biecht af, en diende
+het sakrament toe. De archimandriet was de eerste, die belijdenis
+zijner zonden deed, en het lichaam des Heeren genoot. De popen en
+andere broeders volgden; toen de pelgrims, de soldaten, de vrouwen,
+en nadat allen de absolutie ontvangen hadden, knielden zij neder voor
+de altaren en bij de graven van Filippus, Savatius en Zosimus, en in
+de kapel der moeder Gods. Inmiddels zweeg de donder van het geschut
+niet, en raasde de wilde storm van ijzer en vuur onophoudelijk over
+het sidderende klooster.
+
+Het was middag geworden. Daar luidden nogmaals de kloosterklokken:
+de monniken en pelgrims verzamelden zich op den wal en schaarden
+zich daar in rijen voor de groote processie. De monniken openden den
+langen trein; op hen volgden de pelgrims, daarachter kwamen de vrouwen
+en kinderen. Toen zij allen gereed waren, nam de archimandriet de
+wonderdoende beeltenis der heilige maagd, die nevens het altaar hing,
+en het groote, hoog vereerde crucifix. Het kruis in de rechter, de
+madonna met de linkerhand gevat houdende, plaatste hij zich aan het
+hoofd der schare en leidde haar langs de wallen, onder het vuur des
+vijands. De groote klok luidde, de monniken en pelgrims hieven hun
+psalmen aan. Kogels en granaten vlogen snorrend over hen heen; de
+muren sidderden; de pannen stoven in splinters van de daken. Nabij
+den hoektoren aan het Heilige-meer gekomen, moest de processie
+stilhouden: een granaat had den windmolen getroffen en de wieken in
+brand gestoken. Psalmen zingende en luide biddende, wachtten allen tot
+het vuur was uitgebrand, en vervolgden daarna hun tocht. Een weinig
+verder, vloog een bom midden door den muur, steenen, balken en planken
+verpletterende en voortslingerende tot midden onder de processie: die
+daardoor in tweeën werd gebroken. "Gaat voort!" riep de archimandriet,
+met zijn kruis zwaaiende,--en de schare ging voort, altijd voort.--Bij
+den Weverstoren gekomen, riep de archimandriet den monnik Gennadius,
+en gaf hem het kruis, met last om daarmede in den toren te gaan,
+en het beeld des Heilands door de soldaten te doen kussen.
+
+Thans zou er een wonder geschieden. De processie had den Weverstoren
+verlaten, en een open plek bereikt, die zij over moest steken onder
+het geweldige vuur des vijands en den vernielenden kogelregen. Geen
+menschelijk wezen kon ongestraft dat vuur trotseeren, tenzij dat
+eene bovenaardsche macht hem beschermde. Nu zou het geloof dezer
+onverschrokken mannen inderdaad op de proef worden gesteld. Een
+oogenblik stond de processie stil; maar de aarzeling duurde ook
+slechts een oogenblik. De archimandriet, de beeltenis der moedermaagd
+opheffende, trad onbeschroomd in die dwarrelwolk van stof en rook;
+de monniken en pelgrims, de vrouwen en kinderen volgden, luide hunne
+lofzangen zingende.--En zie--de bommen en granaten der engelsche
+schepen weken van haar baan, dwarrelden boven de koepels en torens,
+en stortten neder in het Heilige-meer achter het klooster. Aller
+oogen aanschouwden het wonder; en uit aller harten steeg, met
+heilige ontroering, de dank tot onze- lieve- vrouwe, de machtige en
+zegepralende Panagia!
+
+De fregatten hielden af en verwijderden zich, om niet weder terug
+te keeren; overwonnen en te schande gemaakt, hoewel niet door
+menschelijke macht. Niemand in het klooster had eenig letsel bekomen,
+niettegenstaande het woedende bombardement langer dan een halven dag
+geduurd had.
+
+De tijding van dezen onwaardigen en heiligschennenden aanval vloog, als
+een elektrieke schok, door het gansche groote rijk, overal de heftigste
+gemoedsbewegingen in het leven roepende. De gewaarwording, die de
+geloovige Rus bij dit bericht moest ondervinden, laat zich het best
+vergelijken met hetgeen in ons gemoed zou omgaan op het vernemen der
+tijding dat een of andere turksche pâsha de kerk van het Heilige-graf
+te Jeruzalem had laten bombardeeren. Verbazing, verontwaardiging,
+woede kookten in aller hart; tot straks de blijde mare kwam dat deze
+hemeltergende aanslag was mislukt en geheel te schande gemaakt. Sinds
+dat wonderjaar is de glorie van Solowetsk hooger dan ooit geklommen:
+eene bedevaart naar het klooster op het Heilige-eiland geldt voor bijna
+even verdienstelijk als een pelgrimage naar Bethlehem en het graf des
+Heeren. Boeren en landlieden gaven het voorbeeld; monarchen en vorsten
+volgden. Alexander III is in bedevaart naar Solowetsk getogen; zijn
+broeder Constantijn is hem gevolgd; twee van 's keizers zonen zullen
+eerlang denzelfden tocht aanvaarden. Men zegt zelfs dat de keizerin
+de gelofte heeft afgelegd, het graf van Savatius te zullen bezoeken,
+indien de hemel haar hare gezondheid wedergeeft.
+
+
+
+XI.
+
+DE RUSSISCHE SEKTEN.
+
+
+De vreemdeling, die niet aan den uiterlijken schijn der dingen
+blijft hangen, en niet enkel de officiëele waarheid als de alleen
+geldende aanneemt, zal weldra tot de ontdekking komen, dat in de
+diepte der russische maatschappij vijandige elementen aan het woelen
+en gisten zijn: een conflict van vrij wat meer beteekenis, dan de
+meer of minder openlijk gevoerde strijd tusschen de wereldlijke
+geestelijkheid en de kloosterlingen. Ook in Rusland bestaan er
+partijen, die, overeenkomstig den geheelen maatschappelijken toestand
+en het standpunt van ontwikkeling, waarop het russische volk staat,
+tegelijk een kerkelijk en een staatkundig karakter hebben: sekten
+in de eerste plaats, maar tevens ook politieke factiën. Trouwens,
+de orthodoxe kerk is eene staatsinstelling, waarvan de keizer het
+erkende hoofd is; wie zich dus van haar afscheidt, keert zich tegelijk,
+in meerdere of mindere mate, tegen de regeering zelve.
+
+Keizer Nikolaas wilde er niet gaarne van hooren, dat een zijner
+onderdanen van zijne kerk afvallig was geworden; hij trachtte zich
+het onaangename feit, dat er toch werkelijk dissidenten waren, zooveel
+mogelijk te ontveinzen; vooral het naar buiten geheim te houden. Nu,
+wat de meester niet wilde vernemen, trachtten de ministers ook niet te
+zien. De tsaar beroemde er zich gaarne op, dat millioenen Muzelmannen,
+Joden en Boeddhisten in vrede onder zijn schepter leefden; maar dat
+een zijner eigene landgenooten zich veroorloofde in godsdienstige
+overtuiging met den keizer te verschillen, stond in zijne oogen bijna
+met oproer en hoogverraad gelijk. De kerk had nu eenmaal vastgesteld
+wat ieder te gelooven had, den eenigen weg afgebakend om aan het eeuwig
+verderf te ontkomen: daaraan moesten nu ook allen zich houden. Had
+de keizer zelf niet gezworen, dat hij dit geloof zou eerbiedigen en
+handhaven? Zoolang Nikolaas leefde, behoorde het in het Winterpaleis
+tot den goeden toon, niet meer aan het bestaan der vroegere sekten te
+gelooven: men deed het voorkomen, alsof zij allen verdwenen waren, en
+er in het gansche rijk inderdaad niet meer dan ééne christelijke kerk
+bestond. Misschien is keizer Nikolaas de eeuwigheid ingegaan, zonder
+ooit de waarheid te hebben vernomen omtrent die vele duizende menschen,
+die, naar het heette, voor zijne ongenade als versmolten waren.
+
+Intusschen won, buiten het Winterpaleis en de officiëele kerkelijke
+kringen, de afscheiding in kracht en tal, gedurende de geheele
+regeering van den tsaar. Ongetwijfeld keerden enkelen in den schoot
+der orthodoxe kerk terug--maar door geweld gedwongen. Doch dergelijke
+maatregelen mogen sommigen ontrouw doen worden aan hun geloof:
+zij, voor wie dat geloof waarlijk ernst, eene zaak des harten was,
+waren op deze wijze niet te winnen, al moesten zij bittere tijden
+doorleven. Eene godsdienstige overtuiging wordt niet waarlijk
+overwonnen door het bestormen van de bedehuizen harer belijders;
+en de dertigjarige vervolging heeft niet anders uitgewerkt, dan
+dat de dissidenten heden ten dage talrijker, welvarender, vaster
+aaneengesloten zijn, dan toen keizer Nikolaas den troon beklom.
+
+Niemand in geheel Rusland zal durven beweren, dat hij de namen,
+het aantal aanhangers en de bijzondere geloofsartikelen van al deze
+sekten kent; veel minder, dat hij iets weet van haar ontstaan en
+verborgen ontwikkeling. Niet alleen wordt alles wat de _raskol_, de
+afscheiding, betreft, zooveel mogelijk geheim gehouden: maar ook de
+sekten zelf hullen zich zooveel zij kunnen in het duister. Volgens den
+minister van politie splitsen zij zich in vier hoofdgroepen, te weten:
+I de _Doukhobortzis_ of _Pneumatomaken_, worstelaars van den geest;
+II de _Malakhanys_, melkëters; III de _Khlystis_, geeselaars en IV
+de _Skoptzis_, eunuken of gesnedenen. [1]
+
+Het is misschien niet gemakkelijk, het in opzettelijke zelfmisleiding
+verder te brengen, dan in deze officiëele lijst geschiedt. Vier
+groepen alzoo, en niet meer? Maar de waarheid is, dat de russische
+_raskolniken_ (dissenters, afgescheidenen) zich wel in honderd
+sekten verdeelen. Ook de rangschikking is zonderling, en berust op
+geen enkelen redelijken grond. De _Worstelaars van den geest_, die
+het eerst worden genoemd, zijn noch eene oude, noch eene machtige
+sekte. De _Melkëters_ zijn van lateren oorsprong dan de _Geeselaars_
+en de _Gesnedenen_; ook dragen deze beide laatste sekten een geheel
+ander karakter dan de beide eerstgenoemden, die, in sommige opzichten,
+met de Methodisten en Puriteinen zijn te vergelijken. De Khlystis zijn
+niet zoo talrijk als de Skoptzis, hoewel zij hoogstwaarschijnlijk de
+Doukhobortzis in aantal overtreffen.
+
+De oorsprong der Khlystis moet wellicht in de dertiende of veertiende
+eeuw worden gezocht; niemand schijnt daarvan met juistheid iets te
+weten; volgens sommigen zou de sekte in de eerste jaren van tsaar
+Alexis Michaelowitsch, dat is dus omstreeks de helft der zeventiende
+eeuw, zijn ontstaan. Zij zelf noemen Christus als de stichter hunner
+sekte. De Skoptzis zijn nog ouder; zij zijn zeer talrijk en over het
+algemeen zeer vermogend, maar houden zorgvuldig alles wat hun geloof en
+hunne gebruiken betreft, geheim. Zij noemen zich zelf _Beliegolubis_,
+witte duiven, en gelooven, naar het schijnt, aan eene voortdurende
+incarnatie van Christus: een dezer laatste verschijningen van den
+Heiland was, volgens hen, tsaar Peter III, dien zij allen bijzondere
+eer bewijzen.
+
+Doch deze vier groepen zijn, heden ten dage, niet meer de
+belangrijkste; wel bestaan zij nog altijd, komen voor in officiëele
+lijsten en verslagen, worden besproken in boeken en verhandelingen;
+maar zij zijn, in zekeren zin, historische sekten, die tot een
+vroegeren tijd behooren, en voor wie, zooals het gaat, de tijd van
+aanvallende propaganda grootendeels voorbij is. De altijd werkzame
+schismatieke geest gaat nog voortdurend voort, zich in andere,
+nieuwere vormen te openbaren. Naarmate het onderwijs algemeener wordt,
+vermenigvuldigen zich de sekten. Een pope zeide eens tot mij: "Hetgeen
+in onzen tijd gebeurt, verbaast en bedroeft mij. Ik wil gaarne van
+deze eeuw het beste denken: maar het is mijne doorgaande ervaring,
+dat zoodra een boer kan lezen en voor zich zelf begint te denken,
+hij onvermijdelijk een ketter wordt."--Er heerscht in de russische
+maatschappij, in de russische kerk, eene sterke beweging, eene
+machtige gisting: een voorgevoel van de naderende crisis vervult de
+gemoederen der menschen met vrees en hoop, met twijfel en dorst naar
+zekerheid; het is of allen, in angstige spanning, uitzien naar eene
+openbaring van boven, die aan de bestaande onzekerheid en verwarring
+een einde zal maken. Vandaar, dat ieder stoutmoedige dweeper of listige
+bedrieger, die zich zelf voor een profeet durft uitgeven, aanstonds
+eene schare van volgelingen vindt. Deze verschijnselen zijn teekenen
+der tijden, die met de diepste bewegingen in de wereld der geesten,
+met den historischen ontwikkelingsgang des volks, samenhangen,
+en getuigen van bestaande behoeften, die op deze wijze bevrediging
+zoeken. De meesten dezer sekten hebben zoowel een politiek als een
+godsdienstig karakter. Inlichtingen, die ik in verschillende, ver
+verwijderde provinciën van het groote rijk heb ingewonnen, stellen
+mij in staat het een en ander mede te deelen omtrent godsdienstige
+genootschappen van zoo jongen datum, dat zelfs in Rusland hunne namen
+nog ternauwernood bekend zijn.
+
+In het jaar 1868 vormde zich plotseling in de stad Atkarsk, in het
+gouvernement Saratow en in het bisdom van Tsaritzin, eene nieuwe
+sekte. Zestien personen scheidden zich van de orthodoxe kerk af,
+zonder daarvan kennis te geven aan hun pope; zij stichtten eene
+nieuwe godsdienst, en begonnen, op hunne wijze, het Evangelie te
+prediken. Heiligenbeelden en altaarstukken beschouwen zij als afgoden;
+het brood en de wijn des avondmaals hebben, volgens hen, hun tijd
+gehad. Zij zeiden van Christus zelf den last ontvangen te hebben om
+te onderwijzen, te prediken, te lijden en eene kerk te stichten. Om
+aan die goddelijke lastgeving te voldoen, begaven zij zich naar de
+rivier de Wolga, dompelden elkander in hare wateren, namen een anderen
+naam aan, en hielden te zamen een plechtig feest. Dit gebeurde midden
+in den winter, op asch-woensdag, 26 Februari, toen de wateren van de
+Wolga met ijs waren bedekt, waarin gaten gehouwen moesten worden.--Deze
+nieuwe apostelen der waarheid geven zich zelf den bescheiden naam van
+_kleine-christenen_. Zij hebben geen priesters, geen formulieren, geen
+beelden; gebruiken geen hostiën en geen gewijde olie. In plaats van
+het gewijde brood, eten zij een soort van koeken, in vorm en omvang
+aan een half-stuivers broodje gelijk, die zij als een bijzondere gave
+van God vereeren, en waaraan zij allerlei geheimzinnige krachten en
+bovennatuurlijke vermogens toeschrijven.
+
+Zoodra de bisschop van Tsaritzin van deze beweging onder zijne kudde
+hoorde, richtte hij een schrijven aan graaf Tolstoï, den minister
+van onderwijs, die aanstonds zijne bevelen zond naar de plaatselijke
+politie. De nieuwe sektarissen moesten nauwkeurig worden gadegeslagen;
+geen indompelingen in het ijs mochten meer worden toegelaten; met
+het bakken der gewijde koeken mocht niet worden voortgegaan. Elke
+prediking van deze nieuwe leer moest onmiddellijk worden verboden;
+de bisschop moest geraadpleegd worden omtrent hetgeen verder tegen de
+sektarissen te doen viel. Al deze bevelen werden stiptelijk uitgevoerd;
+de politie bereikte ook hier het gewone resultaat van hare ijverige
+pogingen: de ketterij der kleine-christenen wint met den dag veld.
+
+
+
+Datzelfde jaar 1868 was getuige van de opkomst van nog eene andere
+sekte. De gouverneur van Kherson vernam, tot zijne verbazing, dat
+eenige boeren in zijne provincie door de politie in hechtenis waren
+genomen om de zeker niet alledaagsche reden, dat zij zich veel te goed
+en te ordentelijk gedroegen voor lieden van hun stand. Naar men zeide,
+dronken die boeren geen sterken drank, vloekten niet, logen niet,
+waren niemand iets schuldig, en gingen ook niet ter biecht om den
+pope hunne zonden te belijden. Niemand begreep daar iets van; en de
+politie, geërgerd dat zij niets ten nadeele van die lieden vinden
+kon, nam ze allen met een slag gevangen, zette ze in den kerker,
+en berichtte den gouverneur welke vermoedens bij haar waren gerezen.
+
+Deze al te deugdzame boeren waren broeders, Ratushni genaamd,
+woonachtig in het dorp Osnowa, waar zij eenig land in eigendom
+bezaten. Osnowa ligt in de nabijheid van een kleine stad, Ananiew
+genaamd, waar een eenvoudig burger, Vonsarski, woonde, die ook bij de
+politie met een zwarte kool stond aangeschreven, omdat ook hij een veel
+te braaf man was voor zijn stand. Vonsarski betaalde zijn schulden,
+en brak nooit zijn woord; hij leefde in vrede met zijne vrouw,--en
+verscheen nooit ter kerk. Hij werd dus ook gevangen genomen, tot de
+gouverneur uitspraak zou hebben gedaan.
+
+Naar men zegt, had de politie gehandeld op aansporing van de
+monniken. Al was er op het oogenblik met grond niets tegen de
+gevangenen in te brengen, toch hoopte men dat op het gerucht hunner
+gevangenneming, de tongen los zouden worden, en dan wellicht het een
+of ander uit zou lekken, waaruit met fatsoen eene niet al te dwaze
+beschuldiging tegen deze lieden ware samen te stellen.
+
+De Ratushni's en Vonsarski stonden bekend als verlichte mannen;
+men wist ook dat zij meermalen in aanraking waren geweest met de
+hernhuttersche kolonisten in het zuiden van Rusland. Het gaf reeds
+ergernis genoeg, dat zij blijkbaar de voorkeur gaven aan de wijze
+waarop deze vreemdelingen hunne paarden optuigden en hunne ossen voor
+den wagen spanden. Bovendien was er alleszins grond voor het vermoeden,
+dat zij geen onbepaalde bewonderaars waren van de organisatie der
+landelijke gemeenten, maar een ander stelsel wenschten, dat meer ruimte
+liet voor de betooning van rechtvaardige en waarlijk godsdienstige
+onderlinge liefde en behulpzaamheid. Men gaf hun om die reden den
+naam van _Helpers_. Maar hun voornaamste misdaad was toch altijd
+hunne minachting voor de kerkelijke ceremoniën, en hun zucht voor
+huiselijke godsdienstoefening, zonder inmenging van den pope.
+
+De gouverneur van Kherson aarzelde geen oogenblik wat te doen:
+hij liet de gevangenen aanstonds in vrijheid stellen. De monniken
+beschuldigden hem nu van medeplichtigheid aan ketterij, en noemden
+hem een scheurmaker; maar hij wees hen op paragraaf elf van de
+keizerlijke ukase betreffende de dissenters, waarin met zoovele
+woorden te lezen staat dat ieder mag gelooven wat zijn geweten hem
+gebiedt, en deswege geen overlast zal lijden, zoolang hij door zijne
+pogingen om anderen te bekeeren geen onrust en ergernis verwekt. De
+prins voegde er de vermaning bij, dat de geestelijkheid, indien zij
+hare roeping waardiglijk wilde vervullen, zich beijveren moest om de
+afgedwaalde schapen weder tot de kudde terug te voeren.
+
+In de omstreken van Kazan hoorde ik voor het eerst spreken van een
+nieuwe sekte, die in het gouvernement Wjatka was ontstaan, en der
+regeering vele moeilijkheden dreigde te veroorzaken. De aanhangers
+dezer sekte waren arme boeren, die zich verbeeldden dat zij een
+aangeboren recht op den grond hadden, en het dus eene ongehoorde
+tyrannie was, van hen de betaling van pacht te vorderen. Het kanton
+Mostowinsk, in het district Sarapul, was het tooneel dezer beweging. De
+provincie Wjatka, aan de aziatische grenzen gelegen, heeft eene zeer
+gemengde bevolking, uit Russen, Finnen, Basjkiren, Tartaren bestaande;
+in hare diepe, moeilijk toegankelijke dalen vindt men belijders van
+bijna iedere godsdienst: christenen, mohammedanen, boeddhisten,
+heidenen; onder allerlei namen en vormen. In deze eene provincie
+tieren zeker twintig verschillende christelijke sekten; en daar
+alle vreemdelingen en afgodendienaars in dat gouvernement het recht
+hebben om door hunne eigene hoofden te worden geregeerd, is het geen
+gemakkelijke taak de ketterij in al hare verwarde vertakkingen na te
+gaan. Maar eene sekte als deze kon kwalijk verborgen blijven. Willen
+zij hun plicht betrachten en hun leeraar gehoorzamen, dan moesten
+deze sektarissen voor de wereld optreden, hunne leer bekend maken en
+verdedigen: dit was het noodzakelijk gevolg hunner bekeering; en toen
+dan ook de tijd voor het betalen der pacht gekomen was, weigerden
+zij de betaling. Evenals alle kroonboeren (en deze hervormers waren
+allen voormalige kroonboeren) hadden zij hunne woningen en een zeker
+stuk land in eigendom ontvangen, onder voorwaarde dat zij, gedurende
+zekeren tijd, eene zeer matige rente zouden betalen. Nu weigerden
+zij dit en wel om godsdienstige redenen.
+
+De gouverneur van Wjatka, hierover ongerust, schreef naar Petersburg
+om nadere instructies. Hem werd gelast, een onderzoek in te stellen,
+de leiders gevangen te nemen; en zorgvuldig te waken tegen elk
+begin van verzet of oproerigheid. Ongeveer tweehonderd wanbetalers
+werden door de politie gevangen genomen, in afdeelingen gesplist en
+ondervraagd. Eenigen werden, op voorspraak van den gouverneur, weder
+ontslagen; maar toen ik Kazan verliet, waren drie-en-twintig dezer
+wanbetalers nog altijd in de gevangenis. Men kon hun maar niet aan
+het verstand brengen dat zij dwaalden; zij wilden zich niet verbinden,
+hunne leer niet verder te verspreiden; en, wat nog het ergste van alles
+was, zij bleven hardnekkig de voldoening der op hun land klevende rente
+weigeren. Wat moet een praktisch staatsman aanvangen met lieden, die,
+uit gemoedsbezwaren, de betaling van belasting en pacht weigeren?
+
+
+
+Bij mijne komst in de provincie Simbirsk had ieder den mond vol
+van een zonderlinge soort van lieden, wier bestaan eerst onlangs
+was ontdekt. Een zekere Peter Mironoff, een gewoon soldaat, had zich
+opgeworpen als stichter eener nieuwe godsdienst, waarvan de belijdenis
+en gebruiken zeer geheim moesten worden gehouden, en die zelfs geen
+naam droeg. Deze Peter stond als een braaf, oppassend man bekend;
+hij was vroom, ernstig, ordelijk en betamelijk in zijn gedrag;
+als soldaat ontbrak hij nooit bij de exercitiën; als biechteling
+gaf hij zijn pope nimmer reden tot klachten. Niemand verwachtte van
+hem iets bijzonders. Naar men zegt, begon hij met veertien zijner
+makkers te bekeeren, die zich allen bij eede verbonden, dat zij
+de hun geopenbaarde waarheid geheim zouden houden; dat zij zooveel
+mogelijk alle aanleiding tot achterdocht zonden vermijden; dat zij,
+des noods, ballingschap, pijniging en zelfs den dood zouden ondergaan,
+maar nooit de geheime leer openbaren.
+
+Peter, die zelf niets geleerd heeft en dus hoegenaamd geen eerbied
+heeft voor boeken, is een verklaarde vijand van alle formulieren, van
+alle liturgiën, van alle levensbeschrijvingen der heiligen. Volgens
+hem, zijn lezen en schrijven gevaarlijke verleidingen en dwalingen: de
+overlevering, door eene levende persoonlijkheid bewaard en verkondigd,
+is voor hem de echte bron en toetssteen der waarheid. Hoewel hij
+ijvert tegen alle kruisen en beelden, hangt toch een zilveren
+heiligenbeeld, op eene zeer zichtbare plaats, in zijne kamer, en
+draagt hij voortdurend een koperen kruis om zijn hals. Hij leert
+zijn discipelen, dat de ware godsdienst bestaat in een voortdurenden
+strijd tegen het vleesch, en schrijft daarom zeer strenge vasten en
+onthouding voor. Als zij vasten, moeten zij zich volstrekt van alle
+spijze onthouden, om den Heer niet te bespotten; en zelfs wanneer zij
+aan de physieke behoeften des lichaams moeten voldoen, behooren zij
+toch alle overtollige weelde, als den uitverkorenen niet voegende, te
+vermijden, zooals het gebruik van vleesch en wijn, van melk en eieren,
+van olie en visch. Hij waarschuwt de jongelieden tegen de zonde van
+het huwelijk, en vermaant de gehuwden, met elkander als broeders
+en zusters te leven, in reinheid en vrede, zooals de engelen in den
+hemel. Volgens Peter is het menschelijk hart vol van goede en kwade
+beginselen en neigingen; hij houdt zich overtuigd dat het mogelijk
+is, het kwaad door het goed te overwinnen; vasten en bidden zijn de
+eenige en ook afdoende middelen om de booze geesten te verdrijven,
+die over het vleesch heerschappij voeren.
+
+De volgelingen van dezen nieuwen apostel verwerpen alle mysteriën
+en sacramenten, alle uiterlijke teekenen en symbolen van
+Godsvereering. Zij leven in vrede met de wereld, helpen elkander
+zooveel in hun vermogen is, en gehoorzamen onvoorwaardelijk aan de
+bevelen van eene door hen gekozen heilige maagd: de door de zonde
+gevallen mensch kan, naar hunne meening, alleen eene vrouw en maagd
+als voorganger en leeraar erkennen. Het ware hoofd der sekte is dan
+ook eene boerenvrouw, Anicia genaamd, woonachtig in het dorp Perewoz,
+in het gouvernement van Tambow; zij staat niet alleen boven Peter
+Mironoff zelf, maar ook boven den Zaligmaker en Sint-Nicolaas.
+
+De godsdienstoefeningen dezer sekte, die in het geheim, met gesloten
+deuren gehouden worden, beginnen en eindigen met gezang, begeleid
+door eene eigenaardige soort van kort afgebroken muziek, en vergezeld
+van dansen en springen. De vormen der eeredienst zijn gedeeltelijk
+aan de moskee ontleent. Zij bidden staande, buigen zich nu en dan
+met het aangezicht ter aarde, en onthouden zich van het teeken des
+kruises. Evenals alle dissidenten zonder onderscheid, zijn ook deze
+sektarissen vijandig gekant tegen den officiëelen staat, niet minder
+dan tegen de officiëele kerk.
+
+Het duurde een geruimen tijd, eer Peter en zijne volgelingen bij de
+politie werden aangeklaagd; en nu zij er zich eenmaal mede heeft
+gemoeid, en de profeet en de maagd in de gevangenis zitten, weet
+de regeering niet best wat te doen. Bijna alle mannen en vrouwen
+toch, die beschuldigd werden leden te zijn van deze onwettige en
+godslasterlijke sekte, staan in de provincie Simbirsk bekend als
+lieden van een onberispelijken wandel. De hoofden der sekte staan
+bijzonder hoog aangeschreven, niet alleen als trouwe kerkgangers,
+maar zelfs als ijverige medearbeiders der geestelijkheid. Zij die
+door de politie op vermoeden werden gevat, waren in den regel in het
+bezit van een door den pope afgegeven certificaat, ten bewijze dat
+zij regelmatig ter biecht kwamen en hoogtijd hielden. Moeder Anicia,
+in haar dorp gevangen genomen, werd ten scherpste ondervraagd; maar
+toch men heeft niets tot haar nadeel kunnen vinden. Zij is veertig
+jaar oud, en, hoewel sedert negentien jaar gehuwd, nog altijd maagd:
+en al hare buren verklaren eenstemmig dat zij een onberispelijk
+voorbeeldig leven heeft geleid. Toch geeft de politie de zaak nog niet
+op: Peter en Anicia vertoeven nog altijd in den kerker: het proces is
+nog steeds aanhangig, en zal hoogstwaarschijnlijk daarmede eindigen,
+dat de model-soldaat en de onberispelijke boerin hun verder leven in
+een der Siberische mijnen zullen slijten.
+
+
+
+Te Moskou verhaalde men mij van een sekte, die zeker wel
+de zonderlingste van allen mag worden genoemd: de zoogenaamde
+_Napoleonisten_. Hun haat tegen het rijk en de officiëele kerk heeft
+hen er toe gebracht, den geduchtsten vijand, dien Rusland in de
+laatste tijden gehad heeft, Napoleon I, als een soort van messias,
+als een beschermgod van het Slavonische ras, te vereeren. Natuurlijk
+dienen zij dit weinig vaderlandslievend geloof geheim te houden; ook
+laten zij niemand bij hunne godsdienstoefeningen toe. Toch beweert
+men dat zij een vast aaneengeschakeld genootschap vormen, en dat hun
+aantal gedurig toeneemt. Zij vergaderen met gesloten deuren, onder
+het oog der politie; maar zoovele sekten te Moskou doen hetzelfde,
+dat deze omstandigheid op zich zelf niet zoo bijzonder vreemd is. Naar
+men zegt, hebben zij in hunne woning een soort van altaar, waarop het
+borstbeeld van Napoleon staat, en waarvoor zij nederknielen. Zij houden
+zich overtuigd, dat hun messias nog in leven is; volgens hen, zou hij
+aan de handen zijner vijanden zijn ontkomen, en van St.-Helena naar
+Midden-Azië zijn gevlucht, waar hij nu zijn verblijf houdt te Irkutsk,
+nabij het meer Baïkal, op de grenzen van chineesch Tartarije. Vandaar
+zal hij te zijner tijd wederkomen, aan de onderlinge twisten der vele
+sekten een einde maken, zich aan de spitse van een machtig leger
+stellen, en de aanhangers van Satan, dat wil zeggen de regeerende
+dynastie en hare dienaren, slaan met de scherpte des zwaards.
+
+
+
+XII.
+
+DE OUD-GELOOVIGEN.
+
+
+Al deze zonderlinge secten en geheime genootschappen zouden weinig
+gewicht in de schaal leggen, en hoogstens als merkwaardige uitingen van
+deels politiek, deels godsdienstig fanatisme de aandacht verdienen,
+indien zij enkel op zich zelf stonden, en niet veelmeer teekenen
+waren van een algemeen verspreide kwaal in het groote rijk. Hun aller
+gemeenschappelijke levensbodem, waarin zij wortelen, is de felle,
+diep verborgen afkeer van de officiëele orthodoxe kerk.
+
+Buiten Rusland zijn er maar weinig menschen, die kennis dragen van
+het bestaan eener andere, populaire kerk nevens de officiëele; en nog
+minder is het bekend dat deze beide kerken in rustelooze vijandschap
+en bitteren strijd met elkander zijn gewikkeld. Toch mag dit feit
+geen oogenblik worden voorbijgezien door ieder, die zich rekenschap
+wil geven van de wezenlijke gesteldheid en de ontwikkeling van het
+russische rijk.
+
+De aanhangers dezer populaire kerk zijn de zoogenaamde oud-geloovigen,
+dat wil zeggen: zij, die de voorgewende hervormingen van den patriarch
+Nikon verwerpen, en de oude, van de vaderen overgeleverde liturgie
+hebben behouden. "Gij zult in ons land, zeide een priester van
+het oude geloof tot mij, een kerk van Byzantium en eene kerk van
+Bethlehem vinden; eene oude leer en eene nieuwe leer; een stelsel
+van menschelijke inzetting en een van God gegeven Evangelie."
+
+Niemand heeft tot dusverre het juiste getal opgegeven van hen, die
+als oud-geloovigen zich van de staatskerk hebben afgescheiden. De
+regeering heeft somwijlen den schijn aangenomen, als wilde zij hen
+als dissenters behandelen; maar nooit heeft men den moed gehad, hen
+officieel onder de ketters en sektarissen te begrijpen. Men heeft hen
+beurtelings gehaat, gevreesd, gevleid, mishandeld; spionnen hebben hen
+bespied; de politie heeft hen in de gevangenis geworpen; ministers
+hebben hen door schitterende aanbiedingen pogen te verlokken; maar
+nooit heeft men het gewaagd hen te tellen, want de regeering zelve
+deinsde terug voor de waarheid, die dan onverbiddelijk aan het licht
+zou komen. Een andere en betere geest heerscht tegenwoordig in het
+Winterpaleis: men sluit de oogen niet langer voor de werkelijkheid: en
+deze groote kwestie--verreweg de belangrijkste van alle binnenlandsche
+kwestiën--wordt, met ernst en ijver, naar alle zijden onderzocht
+en toegelicht. De regeering is tot de overtuiging gekomen, dat in
+Rusland niets van wezenlijk belang tot stand kan worden gebracht,
+zonder de medewerking der oud-geloovigen; en bij elken grooten
+maatregel treedt, in regeeringskringen, de vraag op den voorgrond:
+"Wat zullen de oud-geloovigen daarvan zeggen?"
+
+Een russische bisschop, die veel in zijn vaderland gereisd had,
+verzekerde mij, dat het getal der oud-geloovigen tien à elf millioen
+beloopt; een minister van staat schatte hun aantal zelfs op zestien of
+zeventien millioen. Een priester van Kèm ging nog verder. "De helft
+der bevolking, zeide hij, behoort tot het oude geloof; en zoodra
+ons eenmaal vrijheid geschonken wordt, zal drie vierde gedeelte
+van het volk tot ons behooren." Voor zoover mijne eigen ervaring
+reikt, ben ik geneigd, dien priester gelijk te geven. Een Duitscher,
+die dertig jaren in Rusland heeft gewoond en het volk goed kende,
+maar, als Lutheraan, vreemd is aan de onderlinge twisten der sekten,
+schrijft mij dienaangaande: "Mijne ondervinding heeft mij geleerd, dat,
+de bevolking in haar geheel genomen, _vier_ van de _vijf_ menschen òf
+nu reeds oud-geloovigen zijn, òf zich de volgende week daarbij zouden
+aansluiten, indien zij slechts de zekerheid hadden dat de regeering
+hen met vrede zou laten." Dit houd ik voor overdrijving; maar ik word
+telkens meer bevestigd in mijne overtuiging, dat de oud-geloovigen het
+eigenlijke russische volk zijn; terwijl de orthodoxen weinig anders
+zijn dan eene sekte, waartoe het hof, de adel en de geestelijkheid
+behooren, en die daarom, voor het oogenblik nog, de macht in handen
+heeft.
+
+Bijna al de boeren in het noorden zijn oud-geloovigen; bijna al de
+Kozakken van den Don, de helft der inwoners van Nishny-Nowgorod en
+van Kazan, de meeste kooplieden van Moskou, zijn aanhangers van het
+oude geloof. In één woord, de voornaamste handelaars en industriëelen,
+de aanzienlijkste bankiers, de mannen, die in menig opzicht aan het
+hoofd der maatschappelijke beweging staan en aan wie ongetwijfeld de
+naaste toekomst behoort, zijn oud-geloovigen.
+
+Gij wandelt door de straten van Moskou, waar telkens uwe aandacht wordt
+getrokken door de edele pracht der bijkans vorstelijke woningen. Gij
+vraagt uwen gids: "Aan wien behoort dit huis?"--"Aan Moronzoff.--"Wie
+is dat?"--"O, mijnheer, Moronzoff is de rijkste man in Moskou; de
+grootste industriëel van Rusland. Vijftigduizend man vinden werk in
+zijne fabrieken. Hij is een oud-geloovige."
+
+"En wie woont hier?"--"Soldatenkoff".--"Wie is dat?"--"Een schatrijk
+koopman en een groot industriëel: een van de invloedrijkste mannen
+in Rusland. Hij is een oud-geloovige."
+
+"En van wien is dat paleis daar?"--"Dat behoort aan jonkvrouw
+Rokhmanoff. Zij is onze miss Burdett Coutts; misschien niet zoo
+rijk, maar vooral niet minder ijverig om goed te doen. Zoo als ge
+ziet, bewoont zij een prachtig huis; men vindt er niet minder dan
+dertig receptiekamers, voor de ontvangst van gasten. Ook zij is een
+oud-geloovige."
+
+En zoo gaat het voort, van den morgen tot den avond. Gij gaat naar de
+bazars:--de meeste en fraaiste winkels zijn van oud-geloovigen; naar de
+universiteit:--de meeste beurzen zijn door oud-geloovigen gesticht;
+naar de hospitalen:--zij worden grootendeels door oud-geloovigen
+onderhouden. De oud-russische deugden--en ook de oud-russische
+ondeugden--gij zult ze vinden bij deze oud-geloovigen: niet bij de
+maar al te zeer overbeschaafde en ontzenuwde aanhangers der officiëele
+eeredienst.--"In Rusland, zeide mij eens een scherpzinnig opmerker,
+zijn er verschillende vormen van eeredienst: een ritus voor het paleis,
+voor het klooster, voor het kamp; een prachtige en schitterende ritus,
+misschien geschikt voor keizers en vorsten, maar zeker niet voor de
+arme visschers langs de kusten der IJszee."
+
+De oud-geloovige is zoowel in zijne godsdienstoefening als in het
+dagelijksch leven, hoogst eenvoudig en een voorstander van het oude:
+echt conservatief, zoowel in den goeden als in den kwaden zin. Hij
+heeft een afkeer van alles wat nieuw is, en omdat het nieuw is: zoowel
+van eene synode van monniken, als van eene op vreemden grond gestichte
+hoofdstad. Zijne vaderen gebruikten geen suiker in hunne thee: hij
+dus ook niet; zij kenden geen gas: de nieuwerwetsche verlichting is
+ook hem een gruwel. Het is voor hem voldoende, dat het een of ander
+in vroeger tijd aan zijne voorvaderen onbekend was, om het nu ook
+onvoorwaardelijk te verwerpen. Deze oud-geloovigen zijn niet minder
+vijandig gezind jegens het tegenwoordig regeeringsstelsel dan jegens
+de officiëele kerk. De getrouwe Rus behoort voor den regeerenden
+monarch te bidden als voor een goed keizer en een goed christen; maar
+velen van deze oud-geloovigen willen voor den regeerenden monarch
+in het geheel niet bidden. Sommigen willen wel voor hem bidden als
+tsaar, maar niet als keizer; doch niemand zal voor hem bidden als
+voor een christen. Zij houden zijn recht op de kroon voor minstens
+twijfelachtig. Het woord keizer, zeggen zij, beteekent vorst der
+duisternis; de dubbele arend is een symbool van den boozen geest;
+de autocratische regeering is het rijk van den antichrist.
+
+De oorsprong dezer groote, diepgaande scheuring in het maatschappelijk
+en zedelijk leven des russischen volks valt omstreeks de helft der
+zeventiende eeuw, in de dagen van den patriarch Nikon: een man, die
+misschien een niet minder beslissenden invloed op het toekomstig
+lot van Rusland heeft uitgeoefend, dan de groote tsaar zelf, die,
+naar het zeggen der oud-geloovigen, zijn natuurlijke zoon was.
+
+In de eerste helft der zeventiende eeuw alzoo, landde een man van
+middelbaren leeftijd en van een streng somber uiterlijk, aan het
+klooster te Solowetsk, om op het graf van den heiligen Filippus
+te bidden en een schuilplaats bij de monniken te vragen. Naar zijn
+zeggen, was hij de zoon van een boerenarbeider uit een dorp nabij
+Nisjny-Nowgorod, zelf ook landbouwer en gehuwd. In zijne jeugd had
+hij eenigen tijd in een klooster doorgebracht; en na tien jaren in den
+echtelijken staat te hebben geleefd, had hij zijne vrouw overgehaald,
+den sluier te nemen en de bruid des Heeren te worden. Hij had haar in
+het klooster van Sint-Alexis te Moskou achtergelaten, en zelf zijne
+schreden gericht naar het onherbergzame, ijzige noorden.
+
+Op het eiland Anzersk, waar tegenwoordig de hoeve staat, leefden
+destijds eenige kluizenaars, die den vreemden pelgrim in hun midden
+opnamen. Daar trok hij het monnikskleed aan, en veranderde zijn
+wereldlijken naam in dien van Nikon; maar hij was zoo onhandelbaar
+van aard, dat hij weldra met zijn superieur overhoop lag, als vroeger
+met zijne vrouw. Eleazar, de stichter van deze kluis, wenschte zijne
+eenvoudige kerk van dennenstammen door eene steenen kerk te vervangen,
+en toog met Nikon naar Moskou om daarvoor de noodige gelden bijeen
+te brengen. Zij twistten met elkander onder weg; zij twistten na
+hunne terugkomst. Eindelijk joegen de monniken den lastigen gast
+weg; zij zetten hem in eene schuit, gaven hem brood en water mede,
+en lieten hem vrij om te gaan werwaarts hij wilde, mits hij slechts
+nooit terugkwam. De stroom wierp hem op een rots, in de baai van Onega;
+Nikon richtte daar een kruis op, en legde de gelofte af dat hij daar
+eene kerk zou bouwen, indien de heilige-maagd hem wilde helpen om
+zijne fortuin te maken.
+
+Op het vasteland aangekomen, werd hij weldra het hoofd van een
+gezelschap kluizenaars, die zich aan de oevers van het meer
+Kodjeozersk, in de provincie Olonetz, hadden gevestigd. Daar
+opende zich voor hem de weg naar macht en aanzien: eene toevallige
+omstandigheid bracht hem in aanraking met Tsaar Alexis: en hij maakte
+een zoo overweldigenden indruk op dien niet zeer scherpzinnigen vorst,
+dat hij binnen weinige jaren alle rangen der kerkelijke hiërarchie
+doorliep, en achtervolgens tot archimandriet, bisschop, metropolitaan
+en eindelijk tot patriarch werd verheven.
+
+Nikon, in wien een ondragelijke hoogmoed met sluwe geslepenheid gepaard
+ging, nam zich voor, het bestuur der kerk met vaster hand te voeren,
+dan zijne zwakke en onbeteekenende voorgangers hadden gedaan. Met
+zijne plompe gestalte, zijn grof opgezet gelaat, zijn rooden neus,
+zijn doffen blik, had Nikon meer weg van een frieschen boer, dan van
+een russischen monnik; maar toch was hij een hartstochtelijk minnaar
+van praal en vertooning, en zwol zijn hart van grenzenloozen trots
+als hij, in de kathedraal, nevens den tsaar op zijn troon zat. De
+half-barbaarsche glans en pracht, die de byzantijnsche geestelijkheid,
+zelfs onder de turksche heerschappij, bleef tentoonspreiden, bekoorde
+zijn oog en hart; en het werd zijn ijverigst streven, den statigen
+en omslachtigen byzantijnschen ritus ook in zijne kerk in te voeren,
+zonder te bedenken dat hij, aldus tot de dagen van het oostersche rijk
+teruggaande, zich de Grieken in hun smadelijkst verval ten voorbeeld
+nam. Zijne eerste maatregelen waren niet ondoordacht. Hij zond eenige
+schrijvers naar den berg Athos, die vandaar afschriften medebrachten
+van de echte exemplaren der oudste gewijde boeken; deze liet hij in
+het slavonisch vertalen, en met de liturgische boeken, die toen in
+gebruik waren, vergelijken. Het bleek daarbij, dat in den aangenomen
+tekst fouten waren ingeslopen: waarom hij zijn schrijvers opdroeg,
+voor hem eene nieuwe uitgave van de Schrift en van de formulieren
+te bewerken, waarin de betere lezingen zouden worden opgenomen. Maar
+verder reikt zijne verdienste ook niet. Nikon verstond geen grieksch;
+dit belette hem evenwel niet, toen de nieuwe bewerking, over welker
+verdiensten hij natuurlijk niet oordeelen kon, voltooid was, dit boek
+met gezag aan de kerk op te leggen. De kerk opperde bedenkingen: Nikon
+riep de hulp van den tsaar in. De priesters verzetten zich tegen deze
+inmenging van het wereldlijk gezag: Nikon leverde de weerspannige
+geestelijkheid over in handen van de politie. Alexis stond hem met
+al zijne macht bij, om zijn plan te helpen verwezenlijken. Toch
+stuitte men op een fellen tegenstand, niet alleen in de steden en op
+het platte land, maar ook in den regeeringsraad, in de kloosters,
+in de kerk. De boeren en de popen waren al even weinig ingenomen
+met de veranderingen, die hij wilde maken. De formulieren waren oud
+en eerwaardig; hunne taal klonk als muziek in aller oor; de woorden
+zelf schenen bijna goddelijk; sinds onheugelijke tijden waren deze
+boeken bij de heilige dienst gebruikt; twintig geslachten waren
+volgens deze liturgie gedoopt, gehuwd en teraardebesteld... Waarom
+moesten deze heilige boeken nu eensklaps worden weggeworpen, en door
+anderen, van vreemd maaksel bovendien, vervangen? Nikon beweerde wel
+dat de nieuwe beter waren: maar hoe kon hij dat weten? De patriarch
+was nu juist geen kritikus; velen betwistten hem zelfs den naam van
+een geleerd man. In plaats van nu langzamerhand, door overreding en
+zachte middelen, de lieden voor zijne hervormingsplannen te winnen,
+voerde hij al deze nieuwigheden plotseling en met geweld in. Zelfs
+bleef het nog niet bij zulke tekstveranderingen: hij veranderde
+ook den ouden vorm van het kruis; hij raakte aan de sacramenten;
+hij voerde eene nieuwe wijze van zegening in en wijzigde de teekenen
+op het gewijde brood. Op bevel van den tsaar, die de ver strekkende
+gevolgen van deze maatregelen niet kon overzien, werden nu deze nieuwe
+formulieren, deze nieuwe liturgie en geheel deze nieuwe ritus in alle
+kerken en kloosters van het gansche land ingevoerd. De kerk van Nikon
+was van nu voortaan de officiëele Staatskerk.
+
+De meerderheid des volks en der geestelijkheid bleef evenwel aan de
+overgeleverde liturgie getrouw, en verzette zich standvastig tegen alle
+nieuwigheden. Dit was vooral het geval op het platte land, en met name
+in de noordelijke provinciën, waar de invloed van het hof zich maar
+weinig deed gelden. Ook de kloosters boden aanvankelijk tegenstand, en
+vooral het groote klooster in de Witte-zee. Toen de nieuwe formulieren
+van Nikon te Solowetsk bekend werden, waren de broederen eenstemmig
+in hun besluit om ze te verwerpen. De archimandriet alleen, die
+zich door zijn officiëel karakter gebonden achtte, koos partij voor
+den patriarch en den tsaar; maar de broeders zetten hun onwilligen
+archimandriet in eene boot, en voerden hem naar Kèm. Daarop riepen
+zij het kapittel te zamen, en kozen twee uit hun midden, Azaria en
+Gerontius, wien zij de leiding van de huishoudelijke aangelegenheden
+des kloosters opdroegen. Al de Kozakken in het fort voegden zich
+bij hen; en bijgestaan door de bewoners der nabijgelegen kust, die
+met hen eenstemmig dachten, volhardden de monniken van Solowetsk,
+gedurende meer dan tien jaren, in hun gewapend verzet tegen de
+officiëele kerk. Alleen het verraad bracht hen eindelijk ten onder. De
+orthodoxe schrijvers, die deze gebeurtenissen verhalen, verzekeren dat
+de belegeraars, toen zij zich eindelijk van Solowetsk meester maakten,
+stiptelijk de wetten van den oorlog in acht nemen. Alleen diegenen, die
+met de wapens in de hand gegrepen werden, werden terdoodgebracht; de
+anderen werden in vergelegen kloosters overgeplaatst, waar zij bleven,
+tot zij zich aan het wettig gezag onderworpen hadden. Maar de visschers
+en landlieden langs de kusten der IJszee bezitten nog oude boeken,
+waarin de zaak eenigszins anders wordt voorgesteld. Een oude landman
+haalde eens zulk een boek uit een verborgen put onder den vloer zijner
+keuken te voorschijn, en wees mij een passage in rooden en zwarten
+inkt, waar te lezen stond dat al de monniken in het weerspannige
+klooster tot den laatsten man om het leven werden gebracht.
+
+De zegepraal der belegeraars was voor de natie een groot verlies. Deze
+overwinning verdeelde de russische kerk in twee vijandige partijen,
+en de treurige triomf van Nikon heeft waarschijnlijk nog niet
+al zijne vruchten gedragen. Sinds dien noodlottigen dag staat
+de eene helft van het volk in vijandschap tegenover de andere;
+de staatsgodsdienst is in de oogen van millioenen eene gruwelijke
+ketterij, en de gemeenschappelijke souverein het opperhoofd eener
+vervolgzieke synode van monniken. Ook in andere opzichten droeg Nikons
+werk zeer wrange vruchten. De russische kerk werd van hare vrijheid,
+en daarmede van hare levenskracht, beroofd; al zeer spoedig loste zij
+zich op in den staat, en verving het wereldlijk gezag de plaats der
+kerkelijke overheid. Nauwelijks was Nikon ten grave gedaald, of het
+patriarchaat werd afgeschaft; de keizer trad op als het wettig hoofd
+der kerk, die welhaast niets meer was dan eene staatsinstelling, een
+deel der regeeringsmachinerie. Het ideaal, waarnaar het absolutisme
+altijd heeft gestreefd, en waarnaar het in onze dagen met vernieuwden
+ijver streeft: de vereeniging van geestelijk en wereldlijk gezag
+in ééne hand, de volstrekte onderwerping der kerk aan den staat,
+onder welke schoonschijnende, huichelachtige leuzen ook aanvankelijk
+vermomd;--dit ideaal werd in Rusland bijna bereikt. Met welk gevolg,
+weet ieder, die de russische maatschappij van nabij heeft gadegeslagen;
+en wij zouden wel wenschen, dat zij die zich in oprechtheid vrienden
+der vrijheid wanen, en, de beteekenis van den strijd onzer dagen niet
+doorziende, partij kiezen voor den staat tegen de kerk, een weinig
+meer acht gaven op de les, die hier zoo duidelijk voor ieder spreekt.
+
+De orthodoxe kerk is sedert eene staatskerk, in den slechtsten zin
+des woords, geworden: zij heerscht over de gewetens, breidt hare
+grenzen uit en verdrukt de dissidenten, bij dit alles geholpen en
+gesteund door den wereldlijken arm. Heerschzuchtig en onverdraagzaam,
+verbiedt zij de lezing van den bijbel, het zelfstandig onderzoek,
+de vrijheid der gedachte, zonder zelf eenig teeken van leven of
+ontwikkeling te geven. De oud-geloovigen op hun beurt ondervinden
+evenzeer de nadeelige gevolgen der afscheiding: niet enkel door de
+vervolgingen, waaraan hunne "onbekeerlijkheid" hen steeds blootstelt,
+maar nog meer door de afzondering, waarin zij noodwendig geplaatst
+zijn. Door dit isolement toch werden zij er van zelf toe gebracht,
+hunne goede eigenschappen te overdrijven, en een buitensporig gewicht
+te hechten aan oude gebruiken en oude formulieren. Zij leven in eene
+eigenaardige verouderde wereld, vreemd aan de begrippen, de denkbeelden
+en behoeften van den nieuweren tijd, dien zij niet begrijpen, en
+daarom ook niet waardeeren of liefhebben. Volgens hunne strenge
+eenzijdige begrippen, begon de heerschappij van den antichrist met
+Nikon: sedert dien tijd draagt alles wat in het land geschiedt den
+stempel van onwaarheid en ontrouw.
+
+Evenals de jood en de muzelman, zoo is ook de oud-geloovige, althans
+een van de strenge richting, dadelijk op het eerste gezicht kenbaar. Ik
+stond eens met een mijner russische bekenden op de binnenplaats van een
+posthuis, waar eenige pelgrims bezig waren met eten en drinken. "Zie
+dien man daar" zeide mijn vriend, "dat is een oud-geloovige."
+
+"Waaraan ziet ge dat?"
+
+"Zie maar, hoe hij met verachtelijk schouderophalen de aardappelen
+uit zijn schotel wegwerpt. Dat is een teeken. Ook gebruikt hij geen
+suiker bij zijn thee; een tweede teeken. Hoogstwaarschijnlijk zal
+hij ook niet rooken."
+
+"Zijn dat dan alle kenmerken van een oud-geloovige?"
+
+"Ja; althans in deze noordelijke streken. Te Moskou, Nisjny en Kazan
+is men minder nauwgezet--vooral wat het drinken en rooken betreft;
+de kozakken van den Don zijn op die punten nog ruimer van geweten."
+
+"Zijn die kozakken ook oud-geloovigen?"
+
+"Bijna allen; maar onder de regeering van Nicolaas werden geen
+pogingen gespaard om hen te bekeeren; en aangezien deze kozakken
+aan de krijgswet onderworpen zijn, stonden hun officieren allerlei
+middelen ten dienste om hen te dwingen zich aan den wil des keizers te
+onderwerpen. De hetmans schikten zich naar het geloof van den tsaar;
+van de minderen lieten er velen zich overhalen om eene officiëele
+mis bij te wonen. Maar de meerderheid bleef onverzettelijk, en
+menige fiksche jonkman uit het land aan den Don is naar den Kaukasus
+uitgeweken, liever dan zijn voorvaderlijk geloof te verloochenen. Ook
+bij de kozakken moet ge u niet, door den schijn laten bedriegen:
+want ondanks de ijverige pogingen van popen en politiedienaren, is de
+grootste helft der kozakken aan hunne oude liturgie getrouw gebleven;
+en de vrees van hen, door te sterke pressie, tot verzet te prikkelen,
+heeft in den laatsten tijd de regeering bewogen, meer verdraagzaamheid
+in acht te nemen."
+
+
+
+XIV.
+
+DE WEGEN.--IN HET WOUD.--RUSSISCHE DORPEN.
+
+
+Hij, die gewoon is op reis niet meer dan het volstrekt noodige mede
+te nemen, zal op zijne tochten door Rusland dikwijls in verlegenheid
+geraken, vooral als zijn weg hem door de wouden of de steppen voert. De
+toebereidselen voor een reis zijn hier een zaak van groot gewicht en
+van veel overleg. De reiziger heeft te zorgen voor allerlei dingen,
+waaraan hij in andere landen niet behoeft te denken: kaarsen en
+kussens, messen en vorken en honderd andere zaken. Twee artikelen
+bovenal kan hij niet ontberen--een bed en een samovar (trekpot).
+
+Mijn weg van de IJszee tot de zuidelijke hellingen van den Oeral,
+en van de straat van Jenikale tot de golf van Riga, loopt over land
+en meer, over heuvel en heide, door het woud en de steppen. Ik moet
+mij daarbij afwisselend bedienen van alle middelen van vervoer, die
+in het land in gebruik zijn: droshkis, wagens, schuiten, tarantassen,
+stoombooten, sleden en spoorwegen. Van Solowetsk voer ik naar Archangel
+met de boot, die de benoodigdheden voor het klooster haalt. Vader
+Johannes was zelf aan boord; het was fraai weder; de overtocht werd
+in den bepaalden tijd volbracht. Van Archangel naar Wietegra, een
+afstand van achthonderd wersten, heb ik vijf á zes dagen en nachten
+met postpaarden te rijden door een onmetelijk woud van beuken en
+dennen. Hier beginnen mijne tribulatiën. Eerst, gehaspel met de politie
+over mijn _podorodjna_, een soort van pas, door de politie afgegeven,
+en waarbij den reiziger het recht wordt toegekend om, tegen een
+bepaalden prijs, aan de posthuizen paarden te vorderen. Men begrijpt
+niet, waarom ik niet, als iedereen, met een boot de Dwina opvaar, in
+plaats van door een land te trekken, waar haast geen wegen zijn. Mijn
+antwoord, dat ik het dorp Kholmogory, de geboorteplaats van den dichter
+Lomonosoff, wil bezoeken, bevredigt de politie maar half. Wat is
+daaraan te zien? Eindelijk echter geeft zij toe: de pordorodjna wordt
+geteekend. Nu komt de tweede vraag--die van het voertuig: een wagen,
+een kar of een slede? Er zijn geen diligences: niets dan een karretje,
+juist groot genoeg om een brievenzak en een knaap te bergen, en dat
+tweemaal in de week naar de hoofdstad vertrekt. Niemand anders dan
+de postillon kan daarvan gebruik maken; de vreemdeling moet dus zelf
+voor een vervoermiddel zorgen: en zijne keus is beperkt tot een kar,
+eene tarantasse of een slede, welke laatste natuurlijk alleen in den
+winter bruikbaar is. Ik kies de tarantasse.
+
+Een tarantasse is een beter soort kar, voorzien van een slijkbord, een
+kap en een trede. Zij heeft geen veeren; want veeren zijn onderhevig
+aan breken: en wanneer dit ongeval u overkwam in een streek, waar
+ge mijlen en mijlen in den omtrek geen enkele menschelijke woning
+vindt, zou de ramp onherstelbaar wezen. De eenvoudige bak rust
+op balken, ruwe pijnstammen, van de takken en bladeren beroofd,
+met de bijl gehouwen, en bevestigd aan de assen van twee paar
+wielen, die negen of tien voet van elkander verwijderd zijn. Een
+lederen huif en kap beschermen eenigszins tegen den regen: niet veel
+echter, want de snijdende windvlagen en geweldige stortbuien dringen
+overal door. Het aartsvaderlijke voertuig is licht en luchtig; noch
+voor de vervaardiging, noch voor de herstelling wordt bijzondere
+kunstvaardigheid vereischt. Het kan wel gebeuren, dat, bij het
+voortdurend hossen en stooten, een der balken breekt; geen nood: gij
+houdt even aan den boschrand stil; de voerman hakt een denneboom om,
+stroopt er de takken en bladeren af--en ziedaar, de zaak is weêr in
+orde! Binnen een half uur is de schade hersteld.
+
+Ik wenschte de tarantasse tot Petersburg, of althans tot Wietegra,
+te huren: maar de eigenaar was daartoe niet te bewegen. Ik moest dan
+het rijtuig koopen: maar dit ging niet, want wat zou ik, eenmaal ter
+plaatse mijner bestemming gekomen, met de tarantasse uitvoeren? De
+engelsche consul redde mij uit de verlegenheid: hij gaf mij zijn
+bediende Dimitri mede, die het rijtuig weder terug zou brengen. De
+eigenaar nam daarmede genoegen.
+
+De tarantasse staat voor de deur: een ledige bak, waarin onze bagage
+geborgen wordt; eerst de grootere stukken, hoedendoos, geweerkist,
+koffer; dan bossen hooi, om de ledig gebleven ruimten en openingen
+op te vullen, gevlochten koorden van stroo, om den boel bijeen te
+houden, over dit alles ons bed, onze mantels en pelzen. In de hoeken
+en openingen vinden vervolgens een houthakkersbijl, een kabeltouw,
+een kluwen garen, een zak met spijkers, een pot met vet, een korf
+met brood en wijn, een stuk gebraden vleesch, een trekpot en een
+sigarenkoker, eene meer of minder geschikte plaats.
+
+Wij vertrekken met de eerste schemering, ten einde bij het aanbreken
+van den dag aan het veer over de Dwina te zijn; onder de hoeven
+onzer paarden spat het slijk naar alle kanten, en kraakt het houten
+plaveisel der straten van Archangel.--"Vaarwel! Pas op de wolven
+en op de roovers! Vaarwel! goede reis!" klinkt het uit een dozijn
+monden:--en de vriendelijke, half bevrozen stad ligt achter ons.
+
+Den ganschen nacht rijden wij, onder een donkeren hemel, nu en
+dan flauwelijk door een enkele ster verlicht, langs een doodschen
+akelig-eentonigen weg: dennen ter rechterzijde, dennen ter linkerzijde,
+dennen voor ons, dennen overal. Wij hotsen door een dorp, en wekken
+eenige rondzwervende honden uit hun slaap; wij komen aan het veer,
+en steken de rivier over op een vlot; wij rijden over steenen en door
+zand; wij waden door poelen en moerassen; nachten, dagen achtereen;
+altijd door onze weg vervolgende te midden der sombere bosschen, waar
+nu de verdorde bladeren bij hopen den grond bedekken, en ronddwarrelen
+bij iederen windvlaag, die huilende door het woud vaart. De eene dag
+van dezen tocht is volkomen gelijk aan den anderen. Zoo ver wij zien
+kunnen, strekt zich een open baan, ongeveer dertig ellen breed, voor
+ons uit. De dennen en beuken gelijken allen op elkander; de dorpen
+zijn nog meer aan elkaar gelijk dan de boomen. De eenige verandering
+is in de gesteldheid van den weg: afwisselend zand of moeras, gras of
+boomstammen. Op een afstand van duizend wersten, zijn er honderd met
+boomstammen geplaveid; tweehonderd wersten zijn zand; driehonderd gras;
+vierhonderd slijk en moeras. Wij spotten met de Russen, die spoorwegen
+aanleggen in streken, waar geen straatweg en zelfs geen gewoon pad te
+vinden is. Ten onrechte: een ijzeren baan is juist de meest natuurlijke
+weg in deze wouden, waar steenen uiterst zeldzaam zijn.
+
+Is het rijden door het zand al erg genoeg, dit is niets bij hetgeen
+u te wachten staat, als ge aan de boomstammen komt. Op zekeren nacht
+kon ik het niet langer uithouden; ik troostte mij met de gedachte,
+dat onze bagage slecht was ingepakt, en dat eene andere schikking
+ons meer gemak zou bezorgen. Mijn koffer vooral eischt dringend eene
+andere plaats. Daar hij mij bij dag voor bank, en de nachts voor bed
+dient, speelt hij een voorname rol in onze kleine komedie; maar geene
+verschikking van de andere voorwerpen, geen opvullen met hooi of stroo,
+geen overdekken met mantels en pelzen, kan dien oproerigen koffer tot
+rust brengen. Hij glijdt en schudt en woelt onder mij, en springt op
+bij elken schok. Wij beproeven hem vast te binden met koorden en touwen
+en riemen: niets helpt--hij blijft even onrustig. Wat mijn rug en mijn
+lenden daarbij te lijden hadden, zal ik maar niet pogen te schetsen!
+
+Goddank!--wij zijn eindelijk te Kholmogory! Op een hoogte langs de
+rivier gebouwd, vroolijk en vriendelijk met zijn gouden kruis, zijn
+grasrijke paden, zijn witte en rooskleurige huizen, zijn booten aan
+den oever, zijn zandige vlakten in het verschiet, ligt daar het fraaie
+dorp, ruim en luchtig. Hier ziet ge een kerk, ginds een klooster,
+schitterend van kleuren en verguldsels; de huizen zien er netter en
+welvarender uit, dan doorgaans in zulke vlekken het geval is. Zooals,
+het daar voor u oprijst, met dien donkeren gordel van dennen- en
+beukenwouden, is Kholmogory inderdaad waardig de geboorteplaats te
+zijn van een volksdichter als Lomonosoff.
+
+Tusschen Kholmogory en Kargopol, tusschen Kargopol en Wietegra,
+vindt men niets dan dorpen: op dezen ganschen langen weg van minstens
+vierhonderd mijlen lengte, ontmoet ge geene enkele verzameling van
+huizen, waaraan ge met eenigen schijn van waarheid den naam van stad
+zoudt kunnen geven. De heirbaan loopt maar altijd voort: nu eens langs
+de oevers der rivier, dan weder zich verliezende in de diepten van
+het woud; doch steeds onafgebroken, als een smal lint, voortgaande
+van het noorden naar het zuiden. Niets stuit dien eentonigen weg:
+hij steekt de rivieren over, hij vervolgt zijn loop over steenen,
+moerassen en veengronden; hij kruipt voort over gebroken rotsen; hij
+bestijgt de lage heuvelen, en daalt af in de vochtige valleien. De
+voerman, trotsch op zijn vier paarden, met touwen en kettingen naast
+elkander voor de tarantasse gespannen, jaagt rusteloos voort, als gold
+het een helschen wedloop met den booze, in de hoop, dat hij daarvoor
+een extra kop thee verdienen zal. Dit harde rijden is trouwens eene
+vaste gewoonte bij de russische koetsiers, die er zich op beroemen, dat
+zij het iemand, voor tien kopekken, groen en geel voor de oogen kunnen
+doen worden. Dag aan dag, van den vroegen morgen tot den laten avond,
+rennen wij voort door moerassen en dennenwouden. Nergens is een sloot,
+een dijk, een haag, een omheining te bespeuren: geen enkel teeken dat
+de grond aan iemand toebehoort. In vliegende vaart hollen wij voorbij
+een groot houtvuur, waar omheen een groep armelijk gekleede lieden
+zitten, die ons op onvriendelijken toon groeten, terwijl sommigen
+opstaan om ons na te oogen.
+
+"Wat zijn dat voor lieden, Dimitri?"
+
+"Landloopers. Waarschijnlijk zijn het vluchtelingen."
+
+"Vluchtelingen? Waarvoor vluchten zij dan?"
+
+"Ja, dat zijn zonderlinge lui, die niet werken willen, zich aan wet
+noch gebod storen, en zich nergens willen vestigen. Gij kunt ze hier
+overal in de bosschen vinden: het zijn ware wilden. Te Kargopol zult
+gij er wel meer van hooren."
+
+In deze stad, aan de rivier de Onega, in het gouvernement Olonetz
+gelegen, vernam ik meer bijzonderheden omtrent deze landloopers, die
+inderdaad een lastig en gevaarlijk slag van menschen zijn. Ook in
+Nowgorod en in Kazan hoor ik van deze zwervende bevolking spreken,
+die in een groot deel des rijks verspreid is: een verschijnsel, op
+zich zelf reeds een kwaad, maar als teeken van den maatschappelijken
+toestand nog veel bedenkelijker. In de gouvernementen, Jaroslaw,
+Archangel, Wologda, Nowgorod, Kostroma en Perm, zwerven gansche benden
+dezer onrustige, weerspannige vagebonden rond. Zij zijn nomaden, in
+den waren zin des woords. Zij verlaten hunne huizen en landerijen,
+doen afstand van hunne rechten als boeren of burgers, kleeden zich
+in lompen, nemen den pelgrimsstaf ter hand, verbreken alle banden
+der familie, trekken zich in het diepst van het woud terug, en
+wonen in moerassen en zandwoestijnen, in openbare vijandschap met
+de maatschappij, de kerk en den staat. Sommigen doen inderdaad geen
+kwaad: zij brengen hunne dagen door in sluimering en hunne nachten
+in gebed, terwijl de boeren hen van spijs en drank voorzien; maar ook
+al bepaalt zich hun verzet tegen de gevestigde orde van zaken alleen
+tot zulk een lijdelijken wederstand, dan nog is dit een bedenkelijk
+verschijnsel. Deze lieden willen niet arbeiden voor de spijze, die
+vergaat; zij weigeren zich te onderwerpen aan de bevelen der overheid;
+zij erkennen de wet niet, waaronder zij leven. Zij beweren dat het
+tegenwoordige regeeringsstelsel een werk des duivels is; de tsaar
+is voor hen de vorst der duisternis; zijn raadslieden en de heeren
+van zijn hof zijn valsche getuigen en gevallen heiligen. Zij zelf
+willen niets gemeens hebben met de booze wereld, waarvan zij vlieden,
+zooals Abraham vlood van de ten ondergang gedoemde steden der vlakte.
+
+Naar het schijnt hebben deze nomaden, althans in sommige provinciën,
+eene eigene organisatie, met opperhoofden aan wie zij gehoorzamen,
+als ook bepaalde plaatsen van bijeenkomst en gemeenschappelijke
+Godsvereering. Doorgaans vinden zij steun en hulp bij de boeren, hetzij
+dan uit werkelijke sympathie, hetzij uit vrees voor wraakoefening. Zeer
+zelden vinden zij de deur der hoeve voor zich gesloten; en bijna
+nooit wordt een aanklacht tegen hen bij de politie ingediend. Zelfs
+in die streken, waar zij, naar men zegt, nu en dan plunderen en
+gewelddadigheden plegen, valt het uiterst moeilijk iets omtrent hen
+te vernemen, en vindt vooral de politie niet de minste medewerking.
+
+Niemand zal ontkennen dat, vooral in de ernstige crisis waarin de
+russische maatschappij thans verkeert, zulk een staat van zaken een
+wezenlijk gevaar oplevert. De geest, die deze benden avonturiers
+bezielt, en hen drijft zich aldus vijandig tegenover de maatschappij
+en hare inzettingen te plaatsen, en feitelijk tot den chaos der
+barbaarschheid terug te keeren, is zekerlijk een der moeilijkste
+hinderpalen, die eene waarlijk vrijzinnige en hervormingsgezinde
+regeering op haar weg ontmoeten kan. Tegenover dit onrustbarend
+verschijnsel rijzen ernstige vragen op. Is de russische boer inderdaad
+rijp voor vrijheid en zelfbestuur, alleen door de gehoorzaamheid aan de
+wet beperkt? Indien de ondervinding mocht bewijzen, dat een aanzienlijk
+deel der landelijke bevolking in Rusland zich over dezen hartstocht
+voor een zwervend nomadenleven laat vervoeren,--zooals sommigen
+hopen en velen vreezen--dan is de proeve van emancipatie, door den
+tegenwoordigen tsaar genomen, mislukt, en is de burgerlijke vrijheid
+misschien voor meer dan honderd jaren verloren. De keizer heeft eene
+bijzondere commissie benoemd, om de door de regeering ingewonnen
+berichten en rapporten betreffende deze zaak te onderzoeken. Dat
+onderzoek is nog niet afgeloopen; naar het schijnt heeft de commissie
+nog tot geen besluit kunnen komen, en geen middel aan de hand weten
+te doen om het voortwoekerend kwaad te stuiten.
+
+Inmiddels gaat ons het eene dorp na het andere voorbij!
+
+Deze russische dorpen gelijken zoozeer op elkander, dat wie er een
+gezien heeft, er honderden heeft gezien; hebt ge er twee verschillende
+gezien, dan kent gij ze allen. Het doet er weinig toe, of het model
+groot of klein is, van hout of van leem gebouwd, in het woud verscholen
+of te midden der naakte steppen geplaatst: gij zult overal dezelfde
+vormen en dezelfde groepeering van woningen vinden, duizende malen
+herhaald. Er zijn slechts twee verschillende typen van dorpen: die
+van Groot- en die van Klein-Rusland; van de eerste vindt ge de beste
+voorbeelden in de omstreken van Moskou; van de laatste in den omtrek
+van Kiew.
+
+Een groot-russisch dorp bestaat uit twee rijen hutten, door eene
+breede en vuile straat gescheiden. Elk huis staat op zich zelf;
+het getal dezer woningen wisselt af van tien tot honderd. Van geheel
+gelijkvormige dennestammen opgetrokken, die op dezelfde wijze gehouwen
+en saamgevoegd zijn, zijn de huizen onderling volkomen gelijk, alleen
+behoudens het verschil in grootte. De woning van het dorpshoofd
+is grooter dan de anderen; daarop volgt die van den slijter, de
+brandewijnkroeg. Vier ruwe wanden, waarvan de gaten en spleten met
+mos zijn toegestopt, en waarin een paar deuren en eenige vensters
+zijn uitgehouwen; een schuin oploopend, vooruitstekend dak--ziedaar
+het uiterlijke. Van binnen geen andere vloer dan de naakte bodem; de
+zoldering bestaat uit dennen balken en planken. Verf is eene onbekende
+weelde; het duurt dan ook niet lang, of de wanden en de gevel zien
+bijna geheel zwart door den regen en den rook. De ruimte tusschen
+de huizen ligt geheel open: een vuile modderpoel, waarin de varkens
+zich welbehagelijk rondwentelen, en de nijdige wolfshonden grommen
+en vechten. De zoogenaamde straat is met planken bevloerd. Hier en
+daar prijkt eene enkele woning met een soort van balkon, een koestal,
+en zelfs met eene bovenverdieping. Nabij het dorp verrijst een kapel,
+eveneens van boomstammen gebouwd en met planken gedekt; maar hier
+vindt ge, zoo al niet verguldsel, dan ten minste eene mengeling van
+kleuren. De wanden der kapel zijn wit geschilderd, het dak is groen;
+en misschien heeft een of andere rijke boer, voor zijne rekening,
+het kruis laten vergulden.
+
+Rondom deze akelige woningen strekken zich de weinig minder
+akelige velden en akkers uit, die de dorpelingen met hun zweet
+besproeien. Vlak, laag, zonder hagen of eenige afsluiting, missen die
+akkers, in hunne naakte eentonigheid, schier alle poëzie; nergens
+een welriekende rozenheg, nergens een boomgaard, niets dat aan een
+thuis, eene eigene woning, herinnert. De moestuinen hebben niets van
+tuinen: zij zijn niets meer dan regelmatig afgedeelde stukken grond,
+waarop groenten geteeld worden. Geen enkel bloempje verkwikt in deze
+wildernis uw oog.
+
+In Klein-Rusland, in de oude poolsche provinciën van het westen en
+het zuiden, vindt ge een andere type van dorpen. In plaats van de
+vuile, berookte boomstammen, eene schilderachtige mengeling van groen
+en wit; in plaats van de regelmatig op eene rij gezette blokhuizen,
+eene groep woningen, te midden van het geboomte verspreid. De huizen
+zijn meest van aarde en biezen gebouwd; het dak is met stroo gedekt;
+de wanden zijn met kalk bestreken; een haag van biezen en doornen
+omgeeft die gansche groep. Is elk huis op zich zelf ook klein, het
+heeft toch zijn voorplaats en zijn tuin. Er zijn geen straten in het
+dorp; de haag heeft slechts twee openingen, eene ten noorden, en eene
+ten zuiden; en zoo ge van de eene opening naar de andere wilt gaan,
+moet ge een aantal paden of stegen doorkruisen, met doornen hagen
+en biezen omzoomd, en bevolkt door nijdige, gevaarlijke honden. Het
+schijnt wel, dat ieder hier volle vrijheid had om zijn huis te
+bouwen, waar hij wilde, alleen zorg dragende dat zijn erf binnen de
+algemeene omwalling bleef. Zulke dorpen, zonder eenig plan gebouwd,
+en waarin ieder huis door een tuin is omringd, beslaan natuurlijk
+eene aanzienlijke uitgestrektheid gronds; sommige dorpen der Kozakken
+doen in omvang voor geen matige stad onder. Natuurlijk heeft ieder
+dorp zijn kerk, wier rijke kleurenpracht en eigenaardige bouworde de
+bekoorlijkheid van het landschap verhoogen.
+
+In de wijde landstreek tusschen Kiew aan de Dnjeper en Kalatsh aan
+den Don, behooren al de dorpen tot deze tweede type. Het verschil met
+de groot-russische dorpen ligt zoowel in het huis als in den tuin;
+en dit verschil wijst op eene andere opvoeding, misschien wel op een
+ander ras. De Groot-Russen zijn schroomvallig, zachtaardig en meegaand
+van karakter; zij sluiten zich gaarne aaneen, en trachten zooveel
+mogelijk bij elkander te blijven en in eene soort van gemeenschap
+van goederen te leven. De Klein-Russen daarentegen zijn levendig,
+prikkelbaar, ondernemend van aard; zij zijn gaarne hun eigen meester
+en heer, en staan liefst op zich zelf, ten einde gelegenheid te hebben
+om al hunne krachten en talenten te kunnen ontplooien. Een inwoner
+van Groot-Rusland voert zijne bruid naar de ouderlijke woning; een
+inwoner van Klein-Rusland geleidt haar liefst zijn eigen huis binnen.
+
+Het woud duikt achter ons weg in eindeloos verschiet, en wordt dunner
+en dunner. Wij ontmoeten eene vrouw, alleen in haar eenvoudige kar
+gezeten; straks komt ons een wagen tegemoet, door soldaten te voet
+begeleid, en waarmede gevangenen, die deels geboeid zijn, onder
+opzicht van eene oude vrouw worden vervoerd. De zorg voor de dienst
+langs de wegen is, bij wijze van heeredienst, aan de dorpen opgelegd;
+wanneer een reisgezelschap in een dorp aankomt, moet de oudste of
+hoofdman zorgen voor het noodige--wagens, paarden, voerlieden--zooals
+in de podorodjna staat geschreven. Maar zeer dikwijls gebeurt het,
+dat er in het dorp geen andere mannen te vinden zijn dan knapen of
+grijsaards. De volwassen mannen zijn verre, verre weg: zij zwerven
+als visschers door de Poolzee; zij hakken hout in de wouden rondom
+Kargopol; zij zijn op de bever- en vossenjacht in het Oeralgebergte,
+en laten hunne vrouwen maanden lang alleen achter.
+
+Dorpen, dorpen en nog eens dorpen! Wij ontmoeten nogmaals een
+boerewagen, door soldaten begeleid en waarin een gevangene geboeid
+ligt; uit het kreupelhout gluurt ons een wolf aan; een pelgrim gaat
+ons voorbij, op weg naar Solowetsk; wij rennen langs een troep spelende
+jongens, wier kleederen op dit oogenblik in de wasch schijnen te zijn;
+daar staat, half omvergevallen, een gebroken wagen; straks doet het
+woeste geblaf van eenige honden ons opschrikken; en dan gaat het weer,
+uren achtereen, door het stille zwijgende woud. Toch komt een straal
+van liefelijkheid en poëzie ook deze eenzame streken verhelderen
+en bezielen. Een geurige, frissche koelte doet de bladeren zachtkens
+ritselen; de lucht is helder; en zijn de lijnen ook bijna allen vlak en
+effen, de hemel is blauw, en de zon giet haar gouden stralen over het
+landschap uit. Dikwerf prijken de oude boomstammen met de fraaiste
+kleurschakeeringen, en de zwevende koeltjes ruischen als muziek
+door de hooge dennen. Hier en daar groet u van verre, in het lommer
+verscholen, een schilderachtig klooster. Daar ginds is een boschbrand
+uitgebarsten; de bleekroode vlammen verheffen zich hoog in de lucht,
+half gehuld in dikke wolken van purperkleurigen rook. Een open plek,
+getuige van een vroegeren brand, straalt in al de kleurenpracht der
+liefelijkste herfstbloemen. Een aanvallig kind, met blonde krullen
+en zachte blauwe oogen, staat langs den weg, en groet ons met bijna
+oostersche bevalligheid. Daar ritselt en klatert een beek dwars door de
+afgevallen bladeren. Nieuwe groepen: eene vrouw, met eene kom melk in
+de hand; meisjes, die in het heldere riviertje haar linnengoed spoelen,
+onder het oog van het Onze-Lieve-Vrouwenbeeld. Overal zijn de lieden
+wel is waar eenigszins plomp en ruw, maar inderdaad godsdienstig en
+wellevend; in hunne donkere wouden richten zij kruisen en kapellen
+op, en maken alzoo de sombere vervelende wegen tot lichtende sporen,
+die de gedachten ten hemel heffen.
+
+Wij houden stil in een dorp, aan den oever van een klein donker meer.
+
+
+
+XV.
+
+PATRIARCHALE ZEDEN.--EEN STAAT IN DEN STAAT.
+
+
+"Hoe nu, kan ik hier vóór den avond geen paarden krijgen?"
+
+"Zoo als gij ziet," antwoordde de oudste glimlachend, "het is hier
+feest vandaag; er wordt eene bruiloft gevierd, en de patriarch geeft,
+eene groote partij ter eere van het huwelijk van Vanka met Nadia."
+
+"Nadia! Dat 's een mooie naam! Dus kunnen we toch van avond paarden
+krijgen, niet waar?--Wie zijn dat daar? Aha, de kerk! Komt, laat
+ons daarheen gaan en de kroning zien. Is die Vanka een flinke,
+knappe jongen?"
+
+"Ja; of liever hij zal het eenmaal zijn. Vanka is een knaap van
+zeventien jaar, die voor achttien doorgaat--de bij de wet vereischte
+leeftijd. Maar och, hij telt bij dit alles weinig mede."
+
+"Maar waarom trouwt hij dan?"
+
+"Omdat de patriarch het verlangt. Daniël heeft hulp noodig in zijn
+huishouding. De oude Daan, moet ge weten, is Vanka's vader; en het
+oude moedertje is zoo afgesloofd, dat zij niet veelmeer is dan vel
+over been. Zij is tien jaar ouder dan hij, en de patriarch heeft eene
+jonge vrouw noodig, die hij naar hartelust bevelen kan, eene die vlug
+en bij de hand is, die zijne koe kan melken, zijn kachel aanmaken en
+zijn thee zetten."
+
+"Het is hem dus eigenlijk te doen om eene goede dienstmeid?"
+
+"Ja, juist, eene goede dienstmeid: en die zal hij in Nadia gevonden
+hebben."
+
+"Het is dus geen huwelijk uit liefde?"
+
+"Och, zooals doorgaans. De knaap, hoe jong ook, is naar men zegt toch
+verliefd geweest; want de jongens zijn mal en de meisjes zijn slim;
+maar hij was niet verliefd op de vrouw, die zijn vader voor hem
+gekozen heeft."
+
+"Woonde zijne beminde hier in het dorp?"
+
+"Ja; zij heet Lousha: eene aardige flinke meid, met ronde blauwe oogen
+en lippen om te kussen, maar zonder een roebel in de wereld. Nadia
+daarentegen brengt vijf koperen samovars en vijftien zilveren lepels
+ten huwelijk. Die zilveren lepels veroverden het hart van den ouden
+Daan."
+
+"En wat zegt Vanka wel van dit huwelijk?"
+
+"Niets; wat kan hij zeggen? De patriarch heeft alles beredderd, de
+lepels gekeurd, de bruid aangenomen, het feest aangelegd en den dag
+voor het huwelijk bepaald."
+
+"Rusland is wel het beloofde land voor vaders!"
+
+"Ieder op zijn beurt; eerst de vader, later de zoon. Te zijner tijd
+zal Vanka ook een patriarch zijn. De zoon is niets, zoolang zijn
+vader nog leeft."
+
+"Zelfs niet, als het er op aankomt zich eene vrouw te kiezen?"
+
+"Neen; juist het minst als hij eene vrouw moet kiezen. Zooals gij
+ziet, zijn onze zeden nog ouderwetsch en eenvoudig, zooals die in
+den bijbel beschreven zijn. De huisvader is koning in zijne eigene
+woning, als de patriarchen van ouds; en hebt gij ooit gelezen dat,
+in de dagen der aartsvaders, de jonge lieden het land afliepen, om
+zich naar eigen begeerte eene vrouw te zoeken? Onze patriarch regelt
+dat; hij en de koppelaarster."
+
+"De koppelaarster! Wie is dat?"
+
+"Eene oude vrouw, die in gindsche hut nabij de brug woont; een
+arm oud wijf, die waarzegt en uit kaarten de toekomst voorspelt;
+die als tusschenpersoon optreedt in de liefdesgeschiedenissen der
+jonge meisjes, huwelijken bekonkelt, en door allen als een tooverheks
+gevreesd wordt."
+
+"Is er in ieder dorp zulk eene koppelaarster?"
+
+"Neen; sommige dorpen zijn daarvoor te arm; want deze oude wijven laten
+zich goed betalen. Die het wat verder in de kunst gebracht hebben,
+vestigen zich in de steden, waar zij nog voordeeliger zaken kunnen
+doen. Die tooverheksen in de steden hebben macht over de planeten;
+de onzen moeten zich met kaarten behelpen."
+
+"Gelooft ge waarlijk dat zij macht hebben over de planeten?"
+
+"Wie zal dat uitmaken? Wij zien dat zij macht hebben over mannen en
+vrouwen: en toch heeft ieder mensch zijn eigen planeet en zijn eigen
+beschermengel. De meisjes, die de hulp der koppelaarster inroepen,
+geven haar een lijst van al wat zij bezitten--zooveel samovars,
+zooveel linnen, zooveel huisraad. Het gebeurt niet dikwijls dat zij
+ook zilveren lepels bezitten. De patriarchen gaan naar de tooverheks,
+om die lijsten in te zien. Een slimme kwant, zooals die oude Daan, gaat
+liefst 's avonds tegen de schemering, als niemand hem ziet, naar hare
+woning, zet zijn flesch brandewijn op de tafel, en noodigt de oude tot
+drinken. "Kom, moedertje," meesmuilt hij, "haal uw lijst eens voor den
+dag, en laat ons wat praten."--"Wat zoekt ge, vader Daniël?" grijnst
+het wijf.--"Een vrouw voor Vanka, moedertje, een vrouw. Kom, drink
+eens, dat zal je goed doen; en nu--met het boek voor den dag. Ik
+wil eene flinke meid met een aardig duitje."--"Aha," zegt de heks,
+met haar hand aan het glas; "ge wilt mijn boek zien! Wel, vadertje,
+ik heb hier twee knappe deerns--aardige meisjes, en niet onbemiddeld
+ook; zij zijn beiden juist voor Vanka geschikt. Hier is Lousha: een
+aardig ding, maar geen huisraad; blauwe oogen, maar nog geen twintig;
+tandjes als parelen, maar..... Blieft ge er niet van gediend? Waarom
+niet?--Nu, zooals ge wilt; ik prijs mijn waren aan; het staat u vrij,
+die al of niet te nemen. Lousha is een aardige meid--gij behoeft niet
+zoo laag op haar neer te zien!--Zie hier, hier is Dounia; welgemaakt,
+een fiksche, stevige meid; zij gaf nooit stof tot praten, en had maar
+één vrijer in haar leven, eens buurmans zoon. Wat ze meebrengt? Dounia
+is zelf een lot uit de loterij--zij eet heel weinig, en werkt als
+een paard. Zij heeft vier samovars.--Niet gediend? Wel nu, gij treft
+het bijzonder van avond, vadertje. Hier is Nadia;"--en nu volgt de
+geschiedenis van haar samovars en haar zilveren lepels."
+
+"En zoo wordt de zaak beklonken?"
+
+"Men betaalt den pope het verschuldigde; de dag voor de
+huwelijksplechtigheid wordt bepaald, en alles is gedaan--uitgenomen
+het feest, het drinken en de hoofdpijn als napret."
+
+"Vertel mij nu eens iets van Nadia."
+
+"Vindt ge Nadia zulk een mooie naam? Ik geef de voorkeur aan
+Marfousha. Mijne vrouw heet Marfa; als kind werd zij Marfousha
+genoemd."
+
+"Is Nadia jong en mooi?"
+
+"Jong? Ze is negen-en-twintig jaar. Mooi? Ze is zoo bruin als leer."
+
+"Negen-en-twintig, en Vanka zeventien!"
+
+"Maar zij is groot en fiksch gespierd; sterk als een muilezel, en
+kan den heelen dag, met weinig eten, blijven doorwerken."
+
+"Dat zou goed zijn, als er een slaaf werd verlangd, om het land om
+te spitten of een wagen te besturen."
+
+"Maar dat wil de patriarch ook: eene dienstmeid voor zich zelven,
+en eene echtgenoote voor zijn zoon."
+
+"Hoe kwam Vanka er toe, haar aan te nemen?"
+
+"Daniël toonde hem haar zilveren lepels; haar blinkende trekpotten,
+en haar kist vol huisraad. De jongen ziet al die fraaiigheden met
+begeerige oogen aan. Lousha is afwezig, en de oude man geeft een
+wenk. De bruid omhelst Vanka--en de zaak is in orde."
+
+"Arme Lousha! waar is zij vandaag?"
+
+"Zij blijft op het veld om nog wat te groeien. Zij is nog niet sterk
+genoeg om te trouwen. Zij zou voor haar man en voor haar schoonvader
+niet kunnen werken, zooals eene vrouw behoort te doen. Het is veel
+beter voor haar, nog wat te wachten. Op haar negen-en-twintigste jaar
+zal zij evengroot en sterk zijn als Nadia; dan zal zij geschikt zijn
+voor het huwelijk, want dan zullen de wilde haren er wat uit zijn."
+
+Wij wandelen over de met planken bevloerde straat, van het posthuis
+naar de kerk, die geheel opgevuld is met mannen en vrouwen in hun
+zondagskleed: de vrouwen en meisjes in roode jurken met bont omzoomd,
+en soms wel met zilvergalon versierd; de mannen in nette overjassen
+en ronde bonte mutsen, met gouden kwasten en een roode punt. De
+plechtigheid is bijna voleindigd; de priester heeft het huwelijk, in
+den naam van God, gesloten; de jonggehuwden treden uit het heiligdom
+met hunne kronen van klatergoud op het hoofd. De koning geleidt
+zijne koningin, die er zeker oud genoeg uitziet om zijne moeder te
+zijn. Men hoort hier in Rusland zooveel spreken van de rechten van
+den echtgenoot, en van de zonderlinge eigenaardigheid der vrouwen,
+die het als een bewijs van liefde beschouwen, wanneer hare mannen
+haar slaan,--dat onwillekeurig de vraag oprijst, hoelang het nog
+wel duren moet eer ook Vanka zijne vrouw zal kunnen slaan. Vooreerst
+gaat dat nog niet, dat is duidelijk; men zou daarom kunnen twijfelen
+aan hun echtelijk geluk, wisten wij niet dat, bij gebreke van Vanka,
+de patriarch niet verzuimen zal van zijn zweep gebruik te maken.
+
+De forsch gespierde bruid, met haar vergulde kroon op het hoofd, in
+stijf brokaat gehuld en zich blijkbaar van de waarde harer vijftien
+zilveren lepels bewust, wandelt statig langs de slijkerige straat,
+naar hare nieuwe woning.
+
+De kroegen--er zijn er twee in het dorp, ten behoeve van tachtig of
+negentig zielen--zijn vol luidruchtig gezelschap. De brandewijnflesch
+gaat rusteloos rond. Groote, baardige mannen omhelzen elkander, en
+drukken hunne glazen tegen de borst; terwijl de knapen en meisjes,
+schroomvallig en zwijgend, naar een open plaats gaan, waar het feest
+met een dans zal worden besloten. Dit landelijk bal is wel een kijkje
+waard. Een kring van dorpelingen, ouden en jongen, schaart zich in het
+rond, om van de pret getuige te zijn. De dansers staan van elkander
+afgezonderd: hier een groepje jongelieden, daar een groepje meisjes:
+allen ernstig en doodstil. Eindelijk laat zich een fluit hooren;
+een der jonkers neemt zijn muts af, en noodigt met eene buiging
+zijne danseres uit. Geeft het meisje aan die uitnoodiging gehoor,
+dan wuift zij met haar zakdoek; de jonkman treedt op haar toe, vat de
+punt van den zakdoek, en draait met zijn meisje in de rondte. Niemand
+spreekt een woord, niemand lacht. Stijf geregen en in haar opgeschikte
+kleeding ingeperst, kan het meisje zich niet dan met moeite bewegen;
+zij draait om en om zonder dat haar danser ooit hare hand aanraakt. De
+melankolieke fluit speelt maar altijd voort, uren achtereen, op
+dezelfde eentonige wijs; en de schoone, die gedurende het gansche bal
+haar decorum het best bewaart, geen woord spreekt en geen lach haar
+lippen laat plooien, heeft, naar het oordeel der omstanders, boven
+allen de prijs verdiend!--De mannen praten en lachen onder elkander:
+maar zoodra zij de vrouwen naderen, zijn zij met stomheid geslagen,
+en maken enkel gebaren met hunne mutsen; deze zwijgende uitnoodiging
+wordt door het wuiven met den zakdoek beantwoord, doch ook zonder dat
+het meisje den mond open doet. Dit ronddraaien duurt voort, tot de tijd
+is gekomen om naar bed te gaan, wanneer de mannen, opgewonden door de
+drank, indien al niet door de liefde, wat los op hun beenen beginnen
+te staan en allerlei onwelluidende kreten en liederen aanheffen.
+
+De patriarch zit in zijn huis, en brengt den avond genoegelijk door,
+in gezelschap van Nadia en haar zilveren lepels.
+
+Ook al is haar echtgenoot een volwassen man, moet de vrouw toch
+haar intrek nemen onder het ouderlijk dak, en zich aan den regel
+van het ouderlijk huis onderwerpen. Verlangt zij mede haar deel van
+de groentesoep en van de podding van gerstemeel, om niet te spreken
+van een nieuw jakje nu en dan, dan moet zij haar best doen om het
+haar schoonvader naar den zin te maken: en dit kan zij niet doen,
+indien zij niet onverwaardelijk aan zijne bevelen gehoorzaamt. De
+grieksche kerk laat geen echtscheiding toe: eenmaal getrouwd, zijn
+de echtgenooten voor hun leven verbonden;--gelukkig zijn de eischen
+niet hoog, en heeft geen der beide partijen veel overlast van een
+te sterke verbeelding, zoodat zij zich in den regel tamelijk wel in
+hun lot schikken, en zich alleen ongelukkig gevoelen als de boonen
+mislukken of de patriarch wat al te druk gebruik maakt van zijn zweep.
+
+"Verdedigt een man zijne vrouw dan niet?"
+
+"Neen," antwoord de oudste, "niet tegenover zijn vader."
+
+Een patriarch, huisvader, is onbeperkt gebieder in zijn huis en
+gezin; niemand heeft het recht daar tusschenbeiden te komen: noch
+het dorpshoofd, noch zelfs de keizerlijke rechter. Hij staat boven
+de wet. Zijn hut is niet alleen een kasteel, maar een kerk: al wat
+hij binnen die gewijde wanden verricht, is onaantastbaar en heilig.
+
+"Maar als nu de vrouw bij haar man bescherming zoekt tegen
+mishandeling?"
+
+"De man moet zich onderwerpen, Wat zoudt ge dan verlangen? Twee heeren
+onder één dak? Dan zou het huis spoedig in duigen vallen."
+
+"Dus geven de jonge mannen altijd toe?"
+
+"Wat zouden zij dan moeten doen? Moet men den ouderdom niet
+eeren? Geeft de ondervinding geen aanspraak op den voorrang? Kan een
+man een lang leven achter zich hebben, zonder met de jaren ook wijsheid
+te vergaderen? Naar men zegt, zal dit alles eerlang veranderen; dan
+zullen de jongelieden het huis regeeren, en de patriarchen hun baard
+verbergen. Maar niet in mijn tijd! niet in mijn tijd!"
+
+"Onderwerpen de vrouwen zich gewillig aan de bevelen van den
+patriarch?"
+
+"Zij moeten wel. Veronderstel dat Nadia door den ouden Daan geslagen
+wordt. Zij komt tot mij, en toont mij haar schouders, die bont en blauw
+zijn. Ik beleg eene vergadering van patriarchen om hare aanklacht te
+hooren. Wat zal de uitkomst daarvan zijn? Zij vertelt hun, dat haar
+vader haar slaat, en toont de litteekenen. De patriarchen vragen haar,
+waarom zij geslagen werd? Zij bekent, dat zij ongehoorzaam is geweest,
+toen haar schoonvader haar het een of ander gelastte: misschien wel
+iets, dat hij niet behoorde te vorderen, en dat zij niet gehouden was
+te doen. Maar het beginsel des gezags, dit voelt men, staat daarbij
+op het spel: want is de patriarch niet langer gebieder in zijn huis,
+hoe zal dan de oudste zijn dorp, de gouverneur zijne provincie, de
+tsaar het rijk regeeren? Alle soorten en vormen van gezag hangen te
+zamen, en staan of vallen met elkander. De patriarchen zijn dus van
+meening dat de vrouw eene zottin is, en dat een tweede dracht slagen
+haar goed zal doen."
+
+"Kunnen zij niet bevelen, dat zij gegeeseld worde?"
+
+"Tegenwoordig niet; de wet verbiedt het; dat wil zeggen, in het
+openbaar. In zijn eigen huis mag Daniël, zoo vaak het hem goeddunkt,
+Nadia geeselen."
+
+De wet waarbij dit geeselen der vrouwen in het openbaar verboden
+wordt, is door den tegenwoordigen keizer uitgevaardigd, en behoort
+mede tot het groot geheel van maatschappelijke hervormingen, die
+hij tot stand poogt te brengen. Zij is niet populair in het dorp,
+waar zij beschouwd wordt als een inbreuk op de rechten der mannen,
+omdat zij de patriarchen belet, naar goedvinden met de vrouwen te
+handelen. Sedert deze wet het geeselen der vrouwen in het openbaar
+heeft afgeschaft, hebben de mannen nieuwe middelen van bestraffing
+uitgedacht: zij houden zich overtuigd, dat een geeseling met gesloten
+deuren niet veel helpt, omdat daarbij de eer der schuldige ongerept
+blijft. Wat zij alzoo uitgevonden hebben, blijkt uit hetgeen een
+nieuwsblad verhaalt.--Euphrosine M--, de vrouw van een boer in
+het gouvernement Kherson, werd door haar echtgenoot van ontrouw
+beschuldigd. De man roept eene vergadering van patriarchen bijeen,
+die zijne aanklacht aanhooren, en, zonder verdere getuigenis,
+zonder de vrouw toe te laten zich te verdedigen, haar veroordeelen
+om, op klaarlichten dag, in tegenwoordigheid van al hare vrienden,
+moedernaakt door het dorp te worden geleid! Dit vonnis werd op een
+kouden dag, bij vorst, ten uitvoer gelegd. Toch kon de ongelukkige,
+wier schuld niet bewezen was, van de uitspraak van deze dorpsrechtbank
+niet in hooger beroep komen. Want een dorp is een zelfstandige macht;
+in den vollen zin des woords, een staat in den staat, eene republiek,
+die door eigen wetten en zelf gekozen opperhoofden bestuurd wordt.
+
+In westelijk Europa is een dorp niet anders dan eene stad in het klein,
+waar een zeker aantal lieden van verschillenden stand gevestigd zijn,
+die volkomen vrijheid hebben om, zoo zij dit verkiezen, naar elders te
+gaan. Een russisch dorp daarentegen is een verzameling van hutten, die
+allen bewoond worden door menschen van denzelfden stand en hetzelfde
+beroep; menschen, wien het niet vrij staat zich te verwijderen van
+den akker, dien zij bebouwen; die met elkander hetzelfde lot deelen,
+en hunne landen onder dezelfde verplichtingen bezitten; die als
+belasting eene gemeenschappelijke som betalen, en te zamen een zeker
+aantal recruten voor de militaire dienst moeten leveren.
+
+Deze dorpsrepublieken zijn in bijzonderen zin aan Groot-Rusland eigen,
+waar het eigenlijke echt russische volk woont. Men vindt ze noch
+in Finland en de Oostzee-provinciën, noch in Astrakhan, Siberië en
+Kazan, noch in Kiew, Podolië, de Ukraine, en evenmin in de kaukasische
+provinciën. Waar ge deze landelijke republieken aantreft, kunt ge met
+zekerheid weten, dat ge u op echt-russischen bodem, en te midden van
+het oud-russische volk bevindt. De provinciën, die ze bezitten, zijn
+velen in aantal, groot in omvang, en rijk aan vaderlandsche deugden,
+en met trouwe liefde aan den voorvaderlijken grond en de voorvaderlijke
+inzettingen gehecht. Zij reiken van de muren van Smolensk tot nabij
+Wiatka; van de golf van Onega tot de Kozakken-koloniën aan den Don:
+eene landstreek, vijf of zesmalen zoo groot als Frankrijk, het oude
+rijk van Iwan den Verschrikkelijke, dat aloude echte Rusland rondom
+zijne vier hoofdsteden--Nowgorod, Wladimir, Moskou en Pskow--gegroept.
+
+Een dorpsrepubliek is eene vereeniging van boeren, die als het
+ware een groot gezin vormen, maar op hun eigen land en onder hun
+eigen oversten leven, die naar oude overgeleverde wetten het bestuur
+voeren. Een zeker aantal mannen, een van stand en van beroep, hebben
+zich met gemeenschappelijk goedvinden op dezelfde plaats gevestigd,
+een dorp gebouwd, een oudste gekozen, die met zeer uitgestrekte
+macht is bekleed; het land, bij het dorp behoorende, is aller
+gemeenschappelijke bezitting, niet ieders bijzondere persoonlijke
+eigendom; zij wonen nabij elkander, in hutten van dezelfde grootte en
+gedaante, naast en tegenover elkaar op twee rijen geplaatst. Behoefte
+aan verdediging tegen de gemeenschappelijke vijanden, hetzij dan
+menschen, wilde dieren, of vernielende natuurverschijnselen, was
+ongetwijfeld de eerste aanleiding tot deze soort van vereenigingen,
+waarvan het groote doel, ook nu nog, onderling hulpbetoon is.
+
+De grondslag en onmisbare voorwaarde dezer eigenaardige inrichting
+is het communaal grondbezit. Geen dezer boeren bezit den grond
+in zijn eigen naam en krachtens eigen recht, maar allen bezitten
+dien gezamenlijk, in naam van allen, en wel voor altijd en in
+gelijke deelen. Het huisgezin, bestaande uit man en vrouw, is de
+maatschappelijke éénheid: en ieder huisgezin heeft recht op een
+billijk aandeel in de algemeene bezitting: op zooveel akker-, op
+zooveel bosch-, op zooveel tuingrond, naar evenredigheid der grootte
+van de bezitting en de talrijkheid der deelgerechtigden. Om de drie
+jaren vervallen alle bestaande titels en indeelingen, en grijpt eene
+nieuwe verdeeling plaats. Daar de gemeente eene zuivere republiek
+is, waar alle hoofden van huisgezinnen gelijk zijn en geheel gelijke
+rechten hebben, moet ieder zijne stem uitbrengen in den raad, en moet,
+bij de verdeeling van het land, ook zorgvuldig op alle aanspraken
+worden gelet. Het geheel wordt in zoovele deelen gesplitst, als
+er huisgezinnen in het dorp zijn, waarbij tevens gelet wordt op de
+hoedanigheid van den grond en den meerderen of minderen afstand van
+de woning.
+
+Maar evenals de behoeften, waarin voorzien moest worden, verder
+reiken dan het dorp, zoo heeft ook het beginsel van associatie
+zijne werking verder uitgestrekt. Acht of tien gemeenten vereenigen
+zich, en vormen te zamen een soort van kanton of kerspel; tien of
+twaalf kantons vormen op hunne beurt een _wolost_ of distrikt. Deze
+afdeelingen hebben wederom haar eigen bestuur en organisatie, en zijn
+ook metterdaad zelfstandige republieken.
+
+Sinds overoude tijden zijn de leden dezer landelijke democratiën in het
+bezit van zekere rechten, waarvan de oorsprong misschien betwistbaar
+is, maar waaraan een wijs en voorzichtig staatsman toch niet dan
+bij volstrekte noodzakelijkheid raken zal. Zij kiezen hunne eigene
+overheden, hebben hunne eigene rechtbanken, en leggen eigenmachtig
+boeten en straffen op. Zij beleggen openbare vergaderingen, waar de
+gemeenschappelijke belangen en aangelegenheden besproken en besluiten
+genomen worden. Zij hebben macht over alle leden der vereeniging,
+onverschillig of die rijk dan wel arm zijn. Zij mogen hunne oudsten
+afzetten, en anderen in hunne plaats benoemen. Zulk een boersche
+republiek is eigenlijk niet anders dan eene uitbreiding van het
+patriarchale huisgezin, en daarom in het bezit van rechten en
+bevoegdheden, die de keizer niet gegeven heeft, en die hij ook niet
+durft ontnemen.
+
+Het dorpsopperhoofd voert den titel van oudste, _starosta_. Hij
+wordt door de boeren uit hun midden gekozen, en wel voor den tijd
+van drie jaren; echter brengt de gewoonte mede, dat hij na verloop
+van dien tijd weder herkozen wordt; en het is niet zeldzaam dat
+iemand deze waardigheid van zijn veertigste jaar tot aan zijn dood
+bekleedt. Ieder is als starost verkiesbaar: maar de regel is dat de
+rijkste boer daartoe gekozen wordt, en de vreemdeling, die in een of
+ander dorp den oudste wil spreken, zal zich maar zelden vergissen als
+hij zijne tarantasse voor het grootse huis doet stilstaan.--Moet er
+een starost gekozen worden, dan komen de boeren samen in eene kapel,
+in een schuur of in de herberg; zij fluisteren elkander den naam van
+den uitverkorene in het oor; dan volgt een luid gejuich en handgeklap;
+en wanneer de man hunner keuze het hoofd heeft gebogen, ten teeken
+dat hij zijne benoeming aanneemt dan drukt men elkander de hand,
+en wordt de plechtigheid besloten met een drinkgelag. Hoewel zijne
+betrekking als een eerambt beschouwd, en dus niet bezoldigd wordt,
+is de starost niettemin de verantwoordelijke persoon, die voor
+alles heeft te zorgen, en wien elk onheil en elke ongeregeldheid
+verweten wordt. Somwijlen, maar niet dikwijls, tracht een rijke boer
+zich aan de keuze te onttrekken; doch de gemeente heeft recht op de
+dienstvaardigheid en toewijding harer leden, en wie weigert aan haar
+roepstem te beantwoorden, moet boete betalen.
+
+Deze door het dorpsparlement verkozen magistraatspersoon is bekleed
+met een hoogst eigenaardig, moeilijk te omschrijven gezag: hij is
+half burgemeester, in den europeeschen zin, en half sheikh, in de
+arabische beteekenis van dat woord. Hij is een door de wet erkende
+overheidspersoon, en tevens een soort van familiehoofd, een patriarch,
+die vaderlijke rechten uitoefent. Sommige van zijne functiën liggen
+geheel buiten de wet, ja zijn daarmede zelfs in strijd. Zoo heeft
+een starost, in zijn vierschaar gezeten, het recht behouden, iemand
+tot den knoet te veroordeelen. Niemand anders in geheel Rusland;
+noch de landheer op zijne goederen, noch de generaal in zijn kamp,
+noch de koopman in zijn winkel, noch de reiziger in zijn slede,
+heeft het recht zijn onderhoorige te slaan. Dit verbod, door den
+tegenwoordigen keizer uitgevaardigd, wordt streng gehandhaafd: maar
+een starost kan, gesteund door den dorpsraad, het keizerlijk gebod
+straffeloos overtreden en de wet trotseeren.
+
+Hoewel de rechten dezer gemeenten in de laatste jaren eenigermate zijn
+ingekort, zijn zij toch nog, in menig opzicht, buitengewoon groot. Is
+de vergadering der familiehoofden van oordeel, dat iemand niet langer
+waardig is, lid der gemeente te zijn, dan kan zij den veroordeelde in
+handen der politie overleveren, en naar de naastbijgelegen stad laten
+brengen. Hij is van nu voortaan een balling en zwerver. Uitgeworpen
+door zijne gemeente, heeft hij geen plaats meer in de maatschappij;
+hij kan zich niet in eene stad vestigen, noch in een ander dorp gaan
+wonen, hij is een vagebond, een verworpeling die buiten de menschelijke
+samenleving staat. De gouverneur der provincie, gesteld dat hij
+zich de zaak aantrekt, kan weinig voor hem doen. Hij kan de gemeente
+niet dwingen, den uitgeworpene weder op te nemen; zijn al de vormen
+behoorlijk in acht genomen, dan is de uitspraak van de dorpsvierschaar
+onherroepelijk; en den getroffene blijft bijna geen andere keus over,
+dan soldaat te worden, of zijn geluk te gaan beproeven in de mijnen
+van Siberië.--In ernstige gevallen, waarbij de rechtbanken betrokken
+zijn, heeft de gemeente het recht, het uitsproken vonnis te herzien
+en zelfs te vernietigen. Gesteld, iemand wordt beschuldigd een schuur
+in brand te hebben gestoken. Op last van den starost gegrepen en aan
+de politie overgeleverd, wordt bij naar de stad gebracht, waar de
+rechtbank is gevestigd, die zijne zaak onderzoeken moet. Na verhoor
+van getuigen en nauwkeurig onderzoek, wordt hij vrijgesproken. Meen
+nu echter niet, dat hij, krachtens deze vrijspraak, veilig naar zijne
+hut en zijn akker kan terugkeeren. De gemeente is bevoegd, hem niet
+meer in haar midden te ontvangen. De dorpsraad kan het vonnis des
+rechters vernietigen, de zaak nog eenmaal onderzoeken, en den man,
+in zijn afwezigheid, veroordeelen, niet alleen tot het verlies van
+zijn huis en land, maar ook van zijn stand en goeden naam.
+
+De gemeente heeft nog andere rechten. Geen harer leden mag zijn dorp
+verlaten, zonder de toestemming van de vergadering en zonder een
+paspoort van den starost, die hem ieder oogenblik kan terugroepen,
+ook zonder opgave van redenen. Weigert hij te komen, dan wordt hij uit
+de gemeente gebannen. Bij de vergunning is tevens een termijn gesteld,
+gedurende welken zij geldig zal zijn: een maand, soms drie maanden,
+echter nooit langer dan een jaar. Is die termijn verstreken, dan moet
+de afwezige naar zijne gemeente terugkeeren, op straffe van door de
+politie te worden aangehouden als een landlooper zonder paspoort.
+
+Eenmaal in het jaar wordt eene algemeene vergadering gehouden,
+waarop ieder bezitter van een huis en erve het recht heeft gehoord te
+worden. De stemming is geheim. Ieder lid heeft het recht een voorstel
+te doen, dat de oudste, die tevens de voorzitter der vergadering is,
+aan hare beslissing moet onderwerpen. Somwijlen wordt een onpopulaire
+starost afgezet, en een ander in zijne plaats gekozen. Natuurlijk
+ontbreekt het ook in deze dorpsparlementen niet aan punten van
+verschil; vooral als het op de verdeeling der landerijen, op den
+omslag der belastingen, de levering van recruten, het onderhoud
+der wegen en dergelijke zaken aankomt, kan het er soms heftig
+toegaan. Wat men de buitenlandsche aangelegenheden der republiek zou
+kunnen noemen--de groote wegen, de visscherijen, de exploitatie der
+wouden--wordt geregeld, niet met de keizerlijke ambtenaren, maar met
+de afgevaardigden van den kanton en het district (wolost), die zich op
+hunne beurt rechtstreeks in betrekking stellen met den gouverneur,
+den generaal en de hoofden der politie. De minister richt zich
+niet tot de afzonderlijke gemeenten, noch minder tot de individuen:
+wanneer het bedrag der belasting en het cijfer van het contingent
+zijn vastgesteld, wordt daarvan door de regeering kennis gegeven aan
+het district en het kanton, die voor de verdere verdeeling en levering
+hebben te zorgen. De kroon zendt hare bevelen: het geld wordt betaald,
+de manschappen worden geleverd. Dit stelsel is zoo eenvoudig en zoo
+afdoende, dat tot dusver niemand de hand heeft durven of willen slaan
+aan de rechten en de inwendige huishouding dezer republieken.
+
+Deze gemeentelijke organisatie is iets geheel oorspronkelijks en
+heeft ook niets met de naburige steden te maken. De menschen, die in
+deze hutten leven, deze velden bebouwen, in deze wateren visschen,
+vormen eene maatschappij op zich zelf. Hunne wetten zijn niet anders
+dan overlevering en gewoonte; hunne vrijheden en rechten zijn ouder
+dan iemand heugt. Zij stellen zelf hunne belastingen vast, en maken
+hunne eigene wetten; alleen zeer ernstige gevallen uitgezonderd,
+spreken zij zelf recht, leggen boeten en straffen op, zenden de
+schuldigen naar Siberië, en roepen zoo noodig de hulp is van de
+overheid om hunne besluiten ten uitvoer te leggen.
+
+Ten aanzien van het nut dezer inrichting en de wenschelijkheid om haar
+in stand te houden, zijn de gevoelens in Rusland verdeeld. Mannen, wier
+meeningen op alle andere punten uit elkander loopen, zijn eenstemmig
+in den lof dezer zelfstandige gemeenten. Anderen, die het in alles met
+elkander eens zijn, verschillen geheel ten aanzien van de deugden en
+gebreken dezer instelling. Velen van de bekwaamste en uitnemendste
+hervormers wenschen niets liever dan den bloei en de ontwikkeling
+dezer gemeenten: vurige aanhangers der monarchie, zoo als Samarin en
+Cherkaski, ijverige republikeinen, zoo als Herzen en Ogareff, zien
+in deze landelijke gemeenebesten de vruchtbare kiemen eener nieuwe
+beschaving, die zoowel voor het Oosten als voor het Westen gezegende
+vruchten zal dragen. Daarentegen kunnen wetenschappelijke mannen,
+zoo als Valouef, Bungay en Besobrasoff, in deze gemeenten niet dan
+kwaad zien; in hunne oogen is deze geheele inrichting niet anders
+dan een overblijfsel van vroegere barbaarsche tijden, dat met den
+voortgang der beschaving en verlichting verdwijnen moet.
+
+Ontegenzeggelijk zijn aan dit stelsel der zelfstandige gemeenten
+voordeelen verbonden, die niet gering zijn te achten. De ministers van
+oorlog en van financiën zullen wel de eersten zijn om deze voordeelen
+te waardeeren: want, waar het er op aankomt, op de spoedigste en
+goedkoopste manier belastingen te innen en contingenten voltallig
+te maken, is het natuurlijk veel verkieslijker met vijftig duizend
+starosten dan met vijftig millioen boeren te doen te hebben. Ook de
+minister van justitie kan niet anders dan met welgevallen denken aan
+dat heirleger onbezoldigde bewakers van de openbare rust en veiligheid,
+wier eigenbelang het medebrengt een wakend oog te houden op allen,
+die gevaar loopen van het rechte pad te dwalen.--Maar deze voordeelen
+zijn toch slechts van ondergeschikten aard, en tot verdediging der
+gemeenten valt nog wat anders en wat gewichtigers te zeggen. Een
+stelsel van landbezit, dat aan iederen gehuwden man een aandeel in den
+gemeenschappelijken grond verzekert, is bij uitnemendheid geschikt tot
+aankweeking van dien orde- en vredelievenden, waarlijk conservatieven
+geest, die een onmisbaar element is in iedere maatschappij. Er
+is misschien geen volk op aarde, dat meer dan het russische aan
+oude inzettingen en gebruiken is gehecht, en vuriger den vrede
+wenscht. Waar ieder landbezitter is, daar is uit den aard derzaak
+de kanker van het pauperisme onbekend; en Rusland heeft dan ook tot
+dusver weinig of geen behoefte gevoeld aan armenwetten en werkhuizen,
+want de noodlottige kwaal, die men met deze toch altijd onvoldoende
+middelen poogt te bestrijden, bleef hier nog onbekend. Hier vindt
+ge, althans op het land, geene steeds aangroeiende klasse van niets
+bezittende proletariërs, die uitsluitend van den arbeid hunner handen
+moeten leven: ieder hoofd van een huisgezin heeft zijn eigen hut,
+zijn koe, zeer dikwijls zelfs zijn paard en wagen. De leden der
+gemeenten zijn allen onderling gelijk, en hebben volkomen dezelfde
+rechten en verplichtingen; zij moeten elkander bijstaan en te zamen
+de gemeenschappelijke lasten dragen. De luiaard of doorbrenger kan wel
+zich zelf ongelukkig maken, maar hij sleept althans zijn gezin en zijne
+kinderen niet in zijn ondergang mede. Dezen behouden hunne plaats in de
+gemeente, en wanneer zij volwassen zijn, ontvangen ook zij hun aandeel,
+en kunnen voor eigen rekening en onder eigen verantwoordelijkheid
+een nieuw leven beginnen. De dronkaard en leeglooper sterft, zonder
+eene bijna onontkoombare erfenis van armoede, schande en misdaad na
+te laten. De gemeenten kweeken de groote deugden van ouderliefde en
+eerbied voor de grijsheid aan; zij houden het gevoel van broederschap
+en gelijkheid levendig, het heilzaam bewustzijn der onderlinge
+afhankelijkheid en der noodzakelijkheid van wederkeerig hulpbetoon,
+den geest van onverbreekbare solidariteit, die alle leden van een groot
+geheel behoort saam te binden. Zij werpen een zeer hechten dam op tegen
+het veldwinnend individualisme, dat onze westersche maatschappijen met
+volslagen ontbinding dreigt, en zijn tevens eene uitmuntende school
+voor zelfregeering en ter oefening in alle eigenschappen, die voor
+de verkrijging en handhaving der ware vrijheid onontbeerlijk zijn.
+
+Daar is echter eene keerzijde. Vooreerst zijn de afzonderlijke leden
+der gemeente te zeer aan de willekeur hunner medegenooten overgeleverd,
+die van hunne macht bijwijlen erg misbruik kunnen maken. Ook voeden
+en onderhouden deze gemeenten een geest van bekrompen particularisme:
+zij maken scheiding tusschen dorpen en steden, tusschen standen en
+beroepen, en geven voet aan de gevaarlijke dwaling, dat er een staat
+in den staat kan zijn. Geheel in zijne eigene republiek levende en
+zich daarin als verliezende, is de boer maar al te zeer geneigd, den
+stedeling als een wezen van lager rang te beschouwen, die onder eene
+andere bedeeling leeft, en aan een ander gezag gehoorzaamt. Want in
+waarheid bestaat er tusschen zijne inzettingen en wetten en die der
+burgers van de naburige stad, een zeer groot verschil.
+
+
+
+XVI.
+
+DE STEDEN--KIEW.
+
+
+De steden hebben met de verdeeling van het land in kantons en
+distrikten niets te maken; zij staan geheel op zich zelf, en worden
+naar gansch andere beginselen en door andere wetten bestuurd. De burger
+eener stad heeft het recht, dat een boer niet heeft, om vrijelijk
+handel te drijven en een of ander bedrijf uit te oefenen; hij mag
+lid worden eener broederschap of zich in een gilde doen opnemen;
+maar hij is al evenzeer aan zijn bedrijf gebonden als de landbouwer
+aan den hem toegewezen grond. Zijne woning is dikwijls uit planken
+getimmerd, zijne straten zijn met hout geplaveid; maar die woning
+is groen of rooskleurig geschilderd, en die straten zijn ruim en
+netjes onderhouden. De stad is niet vrij, en heeft niet het recht,
+zich zelf naar eigen inzettingen te besturen: zij staat rechtstreeks
+onder het gezag der regeering; het dorp is eene kleine republiek, de
+stad is een onderdeel van bet rijk en als zoodanig aan de algemeene
+rijkswet ondergeschikt.
+
+Met uitzondering van vijf of zes groote hoofdsteden, vertoonen
+alle russische steden volkomen hetzelfde karakter; en wanneer ge,
+in verschillende deelen des rijks, er twee of drie gezien hebt,
+dan kent gij ze alle. Neem welke stad van den tweeden rang gij wilt,
+in de gansche uitgestrektheid van Groot-Rusland, en overal zult gij
+hetzelfde vinden. Tien tegen een, dat de stad aan eene rivier ligt:
+dan zijn altijd de eerste voorwerpen, die uwe aandacht trekken,
+een klokketoren, een gevangenis, een vischmarkt, een bazar en eene
+kathedraal. Langs den oever, boven en beneden de stad, verrijzen
+kloosters. Eene schipbrug verbindt de beide oevers; en voor de
+eigenlijke stad ligt eene armoedige voorstad. De haven is opgevuld
+met schuiten en vlotten; de eerste brengen visch, de andere hout
+aan. Welk een drukte en beweging op de kaai! Hoe ernstig, hoe smerig,
+hoe armoedig zien al deze lieden er uit. Hun droefgeestige ernst
+is een gevolg van het klimaat; hunne smerigheid herinnert u dat gij
+het Oosten nadert. Zij hebben het niet ruim: de mindere man eet niet
+veel vleesch: zelfs op gewone dagen, als hij niet behoeft te vasten,
+bestaat zijn maaltijd uit een stuk roggebrood en stokvisch. Zie, wat
+hij al niet doen wil om een kopek machtig te worden. Een russische
+werkman is iemand met wien ge gaarne te doen hebt: altijd gewillig
+en vol goeden moed; steeds gereed om u genoegen te doen; beleefd
+en voorkomend: maar ge kunt er nooit op rekenen dat hij zijn woord
+zal houden. Van de waarde van den tijd heeft hij geen flauw begrip;
+en als hij beloofd heeft, u tegen tien uur in den morgen uw jas te
+zullen zenden, moet ge u volstrekt niet verwonderen, zoo ge dien eerst
+tegen elf uur des avonds krijgt. Ge kunt hem met geen mogelijkheid
+aan het verstand brengen, dat dit verkeerd is.
+
+Een sterke, onaangename lucht van olie en zout, van fruit en azijn,
+van afval en visch komt u tegen, zoodra ge de markt betreedt. De
+voornaamste handelsartikelen zijn brood, zout, visch, aardewerk, tinnen
+schotels, spijkers en heiligenbeelden. De straat is bijna één groote
+modderpoel, waarboven hier en daar enkele groote steenen uitsteken. Het
+kost moeite, vooruit te komen; natuurlijk valt er niet aan te denken,
+uwe laarzen schoon te honden.--De vischvrouwen zijn forsche, kloeke
+gestalten, die er, in haar overjas van schapevellen en haar wijden
+broek van hertsleder, geheel als mannen uitzien, en bezwaarlijk van
+hare echtgenooten zouden zijn te onderscheiden, indien deze laatsten
+geen baarden hadden, waaraan iedere man in Rusland te herkennen is.
+
+Van de winkels in den bazar ziet ge niet veel meer dan donkere
+openingen in den muur, die eene sterke gelijkenis vertoonen met de oude
+moorsche winkels te Sevilla en te Grenada; de koopman staat voor zijn
+toonbank, en maakt u opmerkzaam op zijn armoedigen voorraad van platen
+en snuisterijen, zijn potten en pannen, zijn heiligenbeelden, zijne
+kandelaars en zijn pakken speelkaarten. Na tarwebrood en zoute visch,
+zijn heiligenbeelden en speelkaarten de meest gezochte artikelen;
+want in Rusland is ieder even ijverig bij het kaartspel als bij het
+gebed: allen spelen, de edelman in zijn club, de koopman in zijn
+winkel, de bootsman in zijn vaartuig, de pelgrim onder het kruis
+langs den weg. De hartstocht voor het gebed en die voor het spel zijn
+misschien voor een deel uit dezelfde oorzaak te verklaren, namelijk
+uit een zeker bijgeloovig vertrouwen op de macht van het onzienlijke,
+van het bovennatuurlijke en toevallige, van hetgeen aan de gewone
+menschelijke berekening ontsnapt. Bijna iedereen in Rusland speelt
+boven zijn vermogen; en het is volstrekt geen zeldzaamheid dat een
+gezeten burger de speeltafel niet verlaat, dan na eerst zijn geld,
+dan zijn laarzen, zijn muts, zijn kaftan, in één woord zijn gansche
+kleeding tot zijn hemd toe, te hebben verspeeld. Spel en sterke drank
+zijn voor een Rus twee onwederstaanbare verzoekingen.
+
+Maar hoezeer deze spelers ook in hun spel verdiept mogen zijn,
+dadelijk werpen zij toch hunne kaarten neder, nemen hunne mutsen af en
+vallen op hunne knieën, wanneer de priester, met zijn heiligenbeeld en
+zijn kruis, nadert. Het is marktdag in de stad, en de pope is op weg
+naar den een of anderen nieuw geopenden winkel in den bazar; dien hij
+zegenen moet. Zulk een wijding is eene zeer eigenaardige plechtigheid,
+vol aantrekkelijke, roerende poëzie. De pope, vooraf gewaarschuwd,
+bepaalt den dag en het uur, zoodat de vrienden en buren gelegenheid
+hebben, de plechtigheid bij te wonen. Is het oogenblik nu gekomen, dan
+neemt de priester zijn kruis van het altaar; een koorknaap ontsteekt
+den wierook; en voorafgegaan door een voorlezer en diaken, gaat de
+priester naar de woning, tusschen twee rijen van knielende mannen en
+vrouwen, waarvan de meesten hem, opstaande, volgen, ten einde bij de
+inzegening tegenwoordig te zijn.
+
+In het huis of den winkel gekomen, reinigt de priester eerst het
+vertrek door het uitspreken van een formuliergebed; dan zegent hij
+den eigenaar of bewoner, en wijdt eindelijk het gebouw door op de
+eereplaats het beeld op te hangen van den patroon des bewoners, zoodat
+voortaan niets in deze woning geschieden kan, dan onder het oog en als
+in tegenwoordigheid van dien beschermheilige. Hoe weinig beteekenend
+ook als kunstwerken, oefenen toch deze beelden een machtigen invloed
+uit. Niet ver van Tambow woonde eene oude dame, die hare eigenhoorigen
+met zeldzame hardvochtigheid behandelde, tot eindelijk de ongelukkigen,
+door voortdurende mishandelingen tot wanhoop gedreven, op zekeren nacht
+in hare kamer drongen, en haar aankondigden dat zij sterven moest. Van
+haar bed springende, greep zij haastig het heilige beeld, dat aan
+den wand hing, en hield dit haar aanvallers voor, hen uittartende
+om de Moeder Gods te slaan. Van ontzag bevangen, lieten zij hunne
+knuppels zakken en vloden uit het huis. De onvoorzichtige vrouw, door
+deze zegepraal verblind, hangt nu het beeld weder aan den muur, slaat
+haar overkleed om, en gaat naar buiten, haar lijfeigenen achterna;--en
+deze, ziende dat zij haren talisman niet meer bij zich heeft, vallen
+met luid geschreeuw op haar aan en dooden haar.
+
+Bij eene wandeling door de stad, kunt ge niet nalaten getroffen te
+worden door het groote aantal drankwinkels en de menigte beschonkenen,
+die gij ontmoet. De tegenwoordige keizer heeft den brandewijn--waarvan
+de verkoop een staatsmonopolie is--met water doen aanlengen, en den
+prijs van een glas op vijf kopeks in plaats van vijftien bepaald. Die
+verandering valt niet in den smaak der echte drinkebroers, die hun
+aangelengden brandewijn minachtend _dechofka_--een koopje--noemen; maar
+eenvoudiger zielen zijn den tsaar dankbaar voor zijne gave. "Is hij
+niet goed, onze tsaar, zeggen zij, dat hij ons drie glazen geeft voor
+hezelfde geld als vroeger een glas kostte?"--Toch, hoe slap hij wezen
+moge, is eene betrekkelijk kleine hoeveelheid brandewijn voldoende om
+den Rus van de been te helpen; want zijn maag is leeg, zijne zenuwen
+zijn verslapt, en zijn bloed is arm. Ware hij beter gevoed, dan zou
+hij minder behoefte aan prikkelende dranken hebben. Gelukkig zijn de
+Russen, als zij dronken zijn, over het algemeen niet twistziek; zij
+lachen en zingen, en hebben eene onweêrstaanbare behoefte elkander
+te omhelzen, wat meermalen tot dwaze tooneelen aanleiding geeft.
+
+De oudste en voornaamste steden van Rusland, hare heilige plaatsen
+en metropolen, lang voordat het Kremlin aan de oevers der Moskowa, of
+het Winterpaleis aan de boorden der Newa verrees; hare gewijde en door
+de dichterlijke legende verheerlijkte steden, zijn nog altijd Kiew en
+Nowgorod: de eerste de grondzuil van haar geloof, de andere van haar
+wereldlijke macht. Te Kiew verheft zich de vergulde koepel, die nog
+altijd getuigt van de bekeering van Rusland tot de Kerk van Christus;
+in het Kremlin van Nowgorod prijkt de bronzen groep, opgericht bij
+de gedachtenisviering van het duizendjarig bestaan des rijks.
+
+Kiew, de oudste russische bisschopszetel, ligt niet in eigenlijk
+Rusland, en verschillende geschiedschrijvers hebben haar, niet
+geheel ten onrechte, als eene poolsche stad beschouwd. De inwoners
+zijn Ruthenen, en de stad zelf was eeuwen lang eene schitterende
+parel in de kroon der Jagellonen. De vlakte, die zich, onafzienbaar
+ver, voor de poorten van Kiew uitstrekt, is de steppe van Ukraine,
+het vaderland der Kozakken: het land der hetmannen en van Mazeppa,
+rijk aan dramatische legenden, aan hartstochtelijke liederen, ter
+eere der vrijheid en van het wilde nomadenleven. Het volk behoort
+tot den poolschen stam, en de zeden zijn poolsch. Toch staat hier de
+bakermat dier kerk, die geheel het maatschappelijk en huiselijk leven
+in Rusland naar haar beeld gevormd, van haar geest doordrongen heeft.
+
+De stad bestaat uit drie wijken of liever drie afzonderlijke steden:
+Podol, Vitch-Gorod en Petchersk. Alle drie zijn opgevuld met kantoren,
+magazijnen, bureaux, winkels, kloosters; maar toch is Podol meer
+bepaaldelijk de zetel van den handel en de nijverheid; Vitch-Gorod
+is de officiëele wijk, waar de regeeringscollegiën zijn gevestigd;
+Petchersk is de heilige stad, het doelwit der pelgrims. Deze
+drie steden verheffen zich op eene steile hoogte, aan den oever
+van den Dnjeper; zij tellen eene bevolking van ongeveer zeventig
+duizend zielen, en bevatten, in twee verschillende heiligdommen,
+de stoffelijke overblijfselen van dien heidenschen Grootvorst, die
+sedert haar voornaamste heilige is geworden.
+
+Kiew is eene stad van legenden en wondervolle gebeurtenissen. Wat al
+herinneringen dringen zich hier aan uwe geest op: de prediking van
+Sint-Andreas, de teedere vroomheid van Sinte-Olga, de bekeering van
+Sint-Wladimir, de inval der Mongolen, de poolsche overheersching,
+de herovering en bevrijding door Peter den Groote. De omliggende
+provinciën zijn niet minder rijk in geschiedkundige herinneringen. De
+Ukraine, het vaderland van Mazeppa en Gonta, weet te verhalen van
+stroop- en plundertochten, van vijandelijke overvallen en verrassingen,
+van geplunderde steden en geblakerde woningen, van blijde zegetochten
+en van overhaaste vlucht. Elk dorp heeft hier zijne eigene legende;
+iedere stad haar eigen heldenzang van liefde en krijg. Het geheele
+land is vol herinneringen, leeft als 't ware een eigen romantisch
+leven. Hier, waar die kapel verrijst, werd een grootvorst vermoord;
+deze heuvel is de grafstede van eene tartaarsche horde; op gindsche
+vlakte werd een veldslag tegen de Polen geleverd. De mannen zijn
+krachtiger en opgewekter; de huizen zijn beter gebouwd, en de velden
+beter bearbeid, dan in het oosten en noorden. De muziek is levendiger,
+de brandewijn sterker, de liefde vuriger, de haat onverzoenlijker,
+dan elders in het groote rijk.
+
+Evenals alle steden van zuidelijke Rusland, viel ook Kiew in de
+macht van Batoe-Khan, den mongoolschen veroveraar, en zuchtte eeuwen
+lang onder de ijzeren roede der aziatische begs. Deze begs waren
+afgodendienaars; en onder hunne heerschappij moesten de kinderen
+van Sint-Wladimir bittere beproevingen ondergaan: maar Kiew mag er
+zich op beroemen dat zij, ook in de donkerste dagen der vervolging,
+in haar nederige kerken en onderaardsche katakomben, het heilige
+vuur des geloofs voor volslagen vernietiging heeft bewaard.--Aan den
+voet van twee hooge heuvels, op drie mijlen afstands van Vitch-Gorod,
+waar Wladimir zijn harem bouwde en een standbeeld oprichtte ter eere
+van zijn heidenschen afgod, hadden eenige christelijke kluizenaars,
+Antonius, Feodosius en hunne volgelingen, zich in de rots cellen
+en woningen uitgehouwen, waar zij jaren lang een godzalig leven
+leidden en als heiligen stierven. De plaats waar deze onderaardsche
+woningen werden aangelegd, ontving den naam van Petchersk naar
+het woord _petchera_, dat kelder beteekent. Mettertijd verrezen
+twee kloosters boven die cellen, waar de vrome kluizenaars hadden
+geleefd; die kloosters werden aan Antonius en Feodosius gewijd, nu
+de beschermheiligen van Kiew geworden, en weldra alom vereerd als de
+vaders van allen, die in Rusland het kloosterleven omhelzen.
+
+Met graszoden belegde en met boomen beplante glooiingen scheiden
+het eerste klooster, dat van Antonius, aan de eene zijde van de oude
+stad, en aan de andere zijde van het klooster van Feodosius. De beide
+groote kloosters, in een edelen stijl gebouwd, behooren wel tot de
+schoonste en statigste bouwgewrochten in oostelijk Europa. Vergulde
+koepels en torens verheffen zich boven ieder heiligdom; de muren zijn
+beschilderd met tafereelen uit de levens der heiligen. De grond zelf is
+hier heilig. Meer dan honderd kluizenaars sluimeren in de katakomben;
+en onder den grond, in al de vele nissen in den donkeren muur, rusten
+heiligen, wier lichamen, naar het zeggen der monniken, onverderfelijk
+zijn. In het klooster van Sint-Antonius toont men u den schedel van
+Sint-Wladimir: dat wil zeggen, een stuk fluweel, waarin zijn hoofd
+gewikkeld is. Men verzekert u, dat de huid nog ongerimpeld, de spieren
+nog veerkrachtig, het geheele hoofd nog ongeschonden en welriekend
+is. Het is natuurlijk voor een vreemdeling niet wel mogelijk, zich
+van de waarheid dezer bewering te overtuigen: hetzij ten aanzien van
+het hoofd van Sint-Wladimir, hetzij ten aanzien der honderde lijken,
+die in de onderaardsche gangen en gewelven worden bewaard. Ge bekomt
+toch niets anders te zien, dan een lijkkist, een fluweelen kleed en
+een opschrift in het Slavonisch; alles hangt dus af van de mate van
+geloof, die gij medebrengt. Vijftig duizend pelgrims, voornamelijk
+Ruthenen uit de volkrijke provinciën Podolië, Kiew en Wolhynië,
+trekken iederen zomer in bedevaart naar deze heilige plaatsen.
+
+Toen Kiew het juk der Tartaren had afgeschud, maakten de wisselvallige
+kansen van den oorlog haar tot eene poolsche stad, in plaats van eene
+moskovische, zooals zij eigenlijk was. Losgerukt van den oostelijken
+tak van den grooten slavischen volksstam, werd zij bij den westelijken
+ingelijfd. Nooit was Kiew russisch geweest, zooals Moskou russisch
+was; eene ruwe, barbaarsche stad, met eene bevolking van handelaars
+en boeren, en de zetel van een half tartaarsch hof; en nu zij dus
+in rechtstreeksche verbinding met het Westen werd gebracht, werd zij
+gaandeweg een tweede Praag. Eeuwen lang kweekte zij in haar schoot de
+kunsten en wetenschappen der westersche beschaving; en toen zij door
+Peter den Groote weder met Rusland werd vereenigd, was zij niet alleen
+de schoonste parel in zijne kroon, maar ook een vereenigingspunt voor
+alle takken en afdeelingen der groote slavische nationaliteit.
+
+Geen andere binnenlandsche stad van Rusland is zoo schilderachtig en
+zoo gunstig gelegen. Van haar hooge heuvelen overziet zij de wijd
+uitgestrekte steppe, en beheerscht zij den statigen, koninklijken
+stroom. Zij is de hoofd- en havenstad van de Ukraine; zij raakt
+Polen met haar rechter-, Rusland met haar linkerhand; zij steunt
+tegen Gallicië en Moldavië, en keert haar aangezicht naar Servië en
+Bulgarije. Zij is, als het ware, een kort begrip der geheele Slavische
+wereld. Haar bevolking bestaat voor een derde uit Moskovieten,
+voor een derde uit Russen, voor een derde uit Polen; zij herbergt in
+haar schoot de belijders der orthodoxe kerk, benevens katholieken en
+Vereenigde-Grieken. Meer dan eenige andere stad in Europa, zou Kiew
+aanspraak hebben op den rang van hoofdstad van het groote Slavische
+rijk, wanneer de droom van het Panslavisme immer voor verwezenlijking
+vatbaar was.
+
+Op dit oogenblik schijnt die verwezenlijking verder verwijderd dan
+ooit. Tot voor korten tijd vormden de panslavistische droomers eene
+afzonderlijke partij in den staat; en nog op dit oogenblik hebben
+zij aan het hof vermogende vrienden. Hun leus is, Panslavonië voor
+de Slavoniërs; of liever, de verschillende stammen van den grooten
+slavischen stam,--één staat, onder één hoofd: de slavische eenheid
+alzoo. Twee jaren geleden, riepen de leiders van deze partij te Moskou
+een congres bijeen, waarop zij in de eerste plaats hunne landgenooten
+uitnoodigden, van de Witte- tot de Zwarte-zee, van den Weichsel tot
+den Amoer; en voorts vertegenwoordigers van alle slavische stammen,
+die onder vreemden schepter leven:--de Czechen van Praag, de Polen
+van Krakau, de Bulgaren van Sjoemla, de Montenegrijnen van Cettinje,
+de Serviërs van Belgrado; maar juist deze algemeene vergadering
+te Moskou deed de oogen van verstandige en gematigde mannen
+opengaan voor de onpraktische en zelfs gevaarlijke zijde van dit
+panslavistisch streven. Op den bodem ligt een diep gewortelde afkeer
+van het eigenlijke russische leven, zooals het in den loop des tijds
+geworden is. Deze droomers zien verlangend uit naar andere vormen,
+die, zooals zij zeggen, door een hooger en edeler nationaal leven
+zullen worden bezield.
+
+Evenals de oud-geloovigen, willen ook de Panslavisten niets weten
+van den keizer, en kennen zij alleen den tsaar. Ook voor hen is
+Peter de Groote de Antichrist, en het welslagen zijner doortastende
+hervormingen beschouwen zij als een tijdelijke zegepraal van den
+booze. Daarom kanten de Panslavisten zich tegen alles wat Peter heeft
+gedaan, en tegen bijna alles wat zijne opvolgers op den troon hebben
+verricht. Zij wenschen alle vreemde elementen uit hun midden weg te
+doen: zij verlangen hunne oude nationale hoofdstad terug; zij vragen
+vrijheid om hunne baarden te laten groeien, om bonte mutsen en hooge
+laarzen te dragen, zonder deswege bespot of gekweld te worden. Zoowel
+de oud-russische als de jong-russische partij verzet zich echter tegen
+het streven dezer panslavistische dweepers, die, terwijl zij breken met
+het verleden van Rusland sedert de laatste anderhalve eeuw, tegelijk
+alle denkbeelden en vorderingen der westersche beschaving hardnekkig
+verwerpen, en een onmogelijke hersenschim najagen, waaraan zij alle
+wezenlijke en praktische verbeteringen en hervormingen opofferen.
+
+
+
+XXI.
+
+ALEXANDER.
+
+
+De Krimoorlog heeft aan het russische volk zijn eigen nationaal leven
+teruggegeven. "Sebastopol!" zeide mij een hoofdofficier, "Sebastopol
+is gevallen, opdat ons land vrij zou zijn." Het tartaarsche rijk,
+door Iwan den Verschrikkelijke gegrondvest, door Peter den Groote
+hervormd, bleef in het wezen der zaak bestaan, ondanks europeesche
+namen en vormen, tot op het oogenblik dat de verbonden legers in de
+Krim landden. Geslagen aan de Alma en te Balaklava, streed dat rijk
+zijn laatsten kamp op de hoogten van Inkermann; naar tartaarsche wijze,
+zond daar het oude Rusland zijne laatste "groote horde" in die vallei
+van Baidar, waar in de holen en rotskloven nog enkele overblijfselen
+der stamgenooten van Batoe-Khan en Timoer huisvestten. Die laatste,
+wanhopige worsteling was beslissend; wat na Inkermann volgde, was
+betrekkelijk bijzaak. Het aziatische Rusland ging op dien bloedigen
+winterdag te gronde; het europeesche Rusland trad in het leven.
+
+Hoewel nu en dan, door vreemde invloeden, verzacht en gekleurd, nu
+eens door fraai klinkende woorden, dan weder door een zeker mystiek
+patriotismus, bleef het oude tartaarsche stelsel van kracht tot op
+de tegenwoordige regeering. In dit stelsel was de monarch alles,
+het volk niets; het leger was een horde, de adel eene verzameling
+van ambtenaren en officiëele personen, de kerk een afdeeling van het
+departement van politie, de massa des volks een troep slaven.
+
+Nikolaas was aan dat stelsel gehecht, en met zijn vast karakter
+en doortastende energie paste hij het toe, in eene mate en met
+eene volharding als sinds de dagen van Peter den Groote niet was
+gezien. Maar hierin verschilde hij van zijn voorganger, dat hij geen
+voorliefde gevoelde voor de kunsten en wetenschappen der westersche
+beschaving; hij had een hekel aan spoorwegen, en gevoelde een diepe
+minachting voor de dagbladpers. Zijn hof geleek op een kamp; hij wilde
+dat de studenten een uniform zouden dragen; de opvoeding was in zijne
+oogen niet anders dan eene militaire africhtingsmethode. Hij zelf,
+hij alleen, was de staat, de kerk, het leger, alles te zamen. Daar
+hij zijn rijk wilde afsluiten, zooals de Khans van Khiwa en Bokhara
+hunne staten afsluiten, had hij langs zijne grenzen een cordon van
+troepen en wachters getrokken, die het den vreemdeling bijna even
+moeielijk maakten in Rusland te komen, als den inboorling om daaruit te
+ontsnappen; en zoolang hij regeerde, was zijn rijk voor het overige
+der beschaafde wereld bijna een onbekend land, in geheimzinnige
+nevelen gehuld. Die onbekendheid kweekte wantrouwen: want men is
+steeds geneigd te vreezen hetgeen men niet kent; en Europa stond tot
+dezen monarch bijna in dezelfde verhouding, als weleer Moskou stond
+tegenover Timoer-Beg. Het russische regeeringsstelsel was mongoolsch,
+niet slavisch; en de machtige autokraat, die dit stelsel handhaafde
+en er mede te gronde ging, zal later in de geschiedenis bekend staan
+als de laatste aziatische keizer en de laatste europeesche Khan.
+
+In welken toestand verkeerde het rijk, toen Alexander II den troon
+beklom? Zijne macht was gebroken; de geallieerde legers stonden in zijn
+land; zijne havens waren gesloten; zijne vloten waren in de diepte
+der zee verzonken; zijne legers keer op keer geslagen. Van de Newa
+tot den Theems zag hij geen enkelen vriend of bondgenoot, van wien
+hij hulp en krachtige ondersteuning kon verwachten. Rusland had toch
+een millioen soldaten onder de wapenen. Waarom kon deze ontzaglijke
+krijgsmacht den vaderlandschen bodem niet beschermen? Zij waren in
+hun eigen land, dat zij kenden, aan welks klimaat en eigenaardige
+luchtsgesteldheid zij gewend waren. Zij vochten bovendien voor hetgeen
+den mensch boven alles dierbaar pleegt te zijn. Vanwaar dan, dat zij
+onvermogend waren zich te handhaven tegenover den minder talrijken
+vijand, die op vreemden bodem streed, en wiens soldaten door geen
+andere motieven dan de soldij en roemzucht gedreven werden?
+
+Keizer Nikolaas bekende, eer hij stierf, de waarheid: zij verscheen
+hem in onmiskenbare trekken, bij het schijnsel zijner brandende steden,
+bij zijne vluchtende legers, zijn machteloos kanonvuur. Hij begreep dat
+hij niet enkel met vijandelijke soldaten te doen had; dat de publieke
+opinie in geheel Europa tegen hem was, en dat het volk van lijfeigenen,
+hetwelk hij met zoo strenge hand regeerde, niet vóór hem was. Rusland
+was niet met hem. Hier lag de geheime oorzaak zijner ongeneeslijke
+zwakheid. De lijfeigenen, de Oud-geloovigen, al de sectarissen van
+wat naam ook, waren al te gader tegen hem; in hunne oogen was zijn
+regeeringsstelsel iets anti-nationaals, ja bijna iets demonisch; en
+nacht en dag rees hun gebed dat het uur der verlossing van deze booze
+macht weldra mocht slaan. De ontdekking dat het volk hem, in zijn
+strijd tegen de westersche mogendheden, met zijn leger alleen liet
+staan, brak zijn hart. Toen zijn trots gebroken was, heeft Nikolaas,
+naar men zegt, aan Alexander de oorzaken van zijn nederlaag, zooals
+die zich voor hem ontsluierden, aangewezen, en heeft de stervende
+keizer zijn opvolger vermaand een anderen en meer vrijzinnigen weg
+in te slaan. Wie zal zeggen of dit verhaal waarheid behelst? Wie zal
+de geheimen van dat sombere, tragische sterfbed openbaren?
+
+Wat hiervan zij, het is zeker dat de nieuwe souverein handelt alsof
+hij zulk eene waarschuwing ontvangen heeft. Hij begon zijne regeering
+met eene daad van barmhartigheid: de poorten van honderden kerkers
+werden geopend; duizenden ballingen werd de terugkeer vergund. Met
+de westersche mogendheden werd een eervolle vrede gesloten, en het
+droombeeld van de inneming van Konstantinopel terzijdegesteld. Een
+rijk van zeventig millioen inwoners mocht ook zonder dat sterk genoeg
+geacht worden, om zijne positie te handhaven.
+
+Na aldus zich met het buitenland te hebben verzoend, keerde Alexander
+zich naar het volk, aan zijne hoede toevertrouwd. De groote meerderheid
+zijner onderdanen bestond uit lijfeigenen; nauwelijks een van de tien
+kon lezen; nauwelijks een van de vijftig zijn naam teekenen. Een zeer
+groot aantal hield zich buiten alle gemeenschap met de officiëele
+kerk. De lijfeigenen werden verdrukt door de edelen; de Oud-geloovigen
+werden geplaagd en vervolgd door de monniken: en toch vormden deze
+twee klassen de eigenlijke kern en kracht des lands, toch waren zij
+de natie zelve. Indien hij buiten het leger en buiten de officiëele
+wereld, die den ondergang van het oude stelsel niet hadden kunnen
+keeren, een steunpunt zocht, waar elders kon de keizer het vinden
+dan bij de lijfeigenen ten platten lande, bij de Oud-geloovigen in
+de steden? Maar hoe zou hij deze millioenen, verbitterd door lijden
+en verdrukking, bezield door godsdiensthaat, met het rijk verzoenen,
+en hunne sympathie voor zich winnen?
+
+De keizer wilde zelf en van nabij het volk leeren kennen, over hetwelk
+hij geroepen was te regeeren; hij bezocht hunne steden en hunne dorpen;
+hij mengde zich onder hen, en trok van de IJszee naar de Kaspische-zee,
+van de Weichsel naar den Oeral; hij knielde nevens hen te Solowetsk en
+te Troïtza; hij onderhield zich met hen op de openbare wegen en aan de
+oevers der meren; hij sloeg hen gade in de wouden en mijnen: tot hij
+zich overtuigd had dat hij beter bekend was met het russische land en
+het russische volk dan een enkele zijner staatsdienaars. Met de aldus
+verkregen kennis toegerust, ondernam hij de oplossing van het groote
+vraagstuk der lijfeigenschap, en bracht die groote hervorming tot
+stand, in spijt van de tegenwerking zijner ministers en raadslieden.
+
+Terzelfder tijd ondernam Alexander de hervorming van het leger. Hij
+schafte den knoet af, en verbood het toedienen van stokslagen; hij
+richtte scholen in de kazernen op, stelde ook voor niet-adellijken
+ruimere gelegenheid tot bevordering open, en deed wat hij kon,
+om, zoowel in een physiek als in een moreel opzicht, den soldaat
+te verheffen.
+
+Ook de universiteiten ondergingen eene herschepping: de studenten
+legden hunne zwaarden en uniformen af, en de bijzondere privilegiën,
+aan hun korps toegekend, werden afgeschaft. Het universitair onderwijs
+verloor den stempel der militaire dressuur; de leerstoelen werden
+ingenomen door burgerlijke hoogleeraren; en de jonge lieden die de
+colleges volgden, werden geheel gelijkgesteld met hunne medeburgers,
+onderworpen aan dezelfde overheid en aan dezelfde wet. De hoogescholen
+werden vrij, en de studenten werden niet langer gevreesd als "dienaars
+van den tsaar."
+
+Deze hervorming werd gevolgd door eene andere, van nog veel grooter
+gewicht voor het algemeen en dieper ingrijpende in het nationale
+leven: die van het rechtswezen. De rechtspraak werd aan de politie
+ontnomen, en uitsluitend aan de rechtbanken toegekend, die voortaan
+alleen bevoegd zouden zijn, van alle overtredingen en misdaden
+kennis te nemen en de schuldigen te vonnissen. In plaats van de
+willekeur van een dikwijls omkoopbaren beambte, vond de aangeklaagde
+nu de onpartijdigheid van een jury, bijgestaan door een met de wet
+vertrouwden, wel onderwezen rechter.
+
+Ter zelfder tijd werden die plaatselijke parlementen ingesteld,
+districts-vergaderingen en provinciale vergaderingen: die uitmuntende
+leerscholen, waar de burgers leeren denken en spreken; de gronden voor
+en tegen eene zaak overwegen en dienovereenkomstig beslissen; waar
+vooral ook de groote kunst onderwezen wordt om afwijkende meeningen te
+eerbiedigen en te waardeeren, en zich te oefenen in die eigenaardige
+deugden van matiging en zelfbeheersching en praktischen zin, die voor
+een gezond openbaar leven onmisbaar zijn.
+
+Eene groote, alles beheerschende vraag, meer dan eenige andere het
+harte des volks rakende, bleef nog over. De bij uitnemendheid teedere
+kerkelijke kwestie moest nog worden opgelost: de verhouding tusschen
+de zwarte of reguliere en de witte of wereldlijke geestelijkheid;
+de betrekking van de orthodoxe kerk met de Oud-geloovigen; van de
+Heilige-Synode met de dissenters, en tevens de invloed, dien de kerk
+rechtmatig over het onderwijs en de opvoeding behoort uit te oefenen,
+en de verhouding van de kanonieke wet tot de burgerlijke.
+
+Men zou meenen dat in een land als Rusland elk dezer hervormingen op
+zichzelf meer dan voldoende zou zijn om geheel een menschenleven te
+vorderen; toch werden zij door dezen kloekmoedigen en edeldenkenden
+monarch allen te zamen ter hand genomen. Ondanks den tegenstand van
+de drie machtigste partijen in het rijk--de zwarte geestelijkheid,
+die het gezag aan hare handen voelt ontglippen; de oude legerhoofden,
+die vasthouden aan het denkbeeld dat de soldaten met den stok moeten
+worden geregeerd; de spilzieke edelen, die aan het verblijf te Homburg
+of te Parijs de voorkeur geven boven het eentonige leven op hunne
+goederen;--ondanks dien tegenstand, zet de keizer, met onbezweken
+volharding, zijne groote taak voort. Wat wonder dat hij aangebeden
+wordt door de boeren, de burgers, de lagere geestelijkheid, door allen,
+in één woord, die in vrede wenschen te leven, hun akker te bebouwen,
+hunne zaken te behartigen en hunne gebeden op te zeggen.
+
+Inmiddels gaat de keizerlijke hervormer ongestoord zijn weg, alleen,
+door zorgen gedrukt, door huiselijke rampen gebogen, in zijn openbaar
+leven met allerlei tegenwerking kampende.
+
+
+
+Op een somberen Decemberdag, omstreeks den avond, stappen twee
+vreemdelingen in eene boot aan de kaai der Newa, en varen snel,
+tusschen de drijvende ijsschotsen door, naar de dreigende citadel van
+Sint-Petrus-en-Sint-Paulus, waar behoudens eene enkele uitzondering,
+al de keizers en keizerinnen, die na Peter den Groote over
+Rusland geregeerd hebben onder de marmeren zerken en gouden kruisen
+rusten. Eensklaps laten de roeiers hunne riemen rusten en nemen hunne
+mutsen af; opziende, ontwaren de vreemdelingen den keizerlijken gondel,
+door twintig roeiers gevoerd, dicht in hunne nabijheid. De keizer
+zit in die boot: slechts een enkel officier staat nevens hem. Bij
+het voorbijvaren beantwoordt hij den groet der reizigers, springt
+aan land, wikkelt zich in zijn wijden grijzen mantel, en richt zich
+met haastige schreden naar de kerk. Niemand vergezelt hem. De zes of
+acht voorbijgangers, die hij ontmoet, ontblooten hun hoofd, en treden
+eerbiedig ter zijde om hem voorbij te laten gaan. De hoofdingang der
+sombere kerk is gesloten; met zekere overhaasting richt de tsaar zich
+naar eene zijdeur, waar hij een kerkbewaarder in burgerkleeding ziet,
+dien hij wenkt naderbij te komen. De deur wordt haastig ontsloten,
+en de onbeperkte gebieder over meer dan zeventig millioenen menschen
+treedt in de kerk, waar ook hij eenmaal rusten zal. De vreemde
+bezoekers zijn inmiddels naderbij gekomen. "Wacht een oogenblik,"
+zegt de bewaarder; "de keizer is daar binnen." Dan voegt hij er bij:
+"Gij kunt wel in het portaal gaan; zijne majesteit zal u niet lang
+ophouden."--Dat portaal is slechts door glazen deuren van de kerk
+gescheiden, zoodat de reizigers het inwendige van het gebouw kunnen
+overzien. Zij zien statige zuilenrijen, die de breede schepen van
+elkander scheiden. Langs de wanden hangen vaandels en banieren: de
+zegeteekenen, op honderd slagvelden, aan Zweden en Franschen, Polen,
+Perzen en Turken ontnomen: hier en daar brandt een zilveren lamp voor
+het portret van een heilige. Tusschen de zuilen verheffen zich de
+witte keizerlijke tomben: eene lange rij, fantastisch verlicht door
+het rosse licht dier wemelende lampen.
+
+Alleen, de muts diep over het voorhoofd getrokken, in zijn grijzen
+mantel gewikkeld, gaat de keizer van de eene tombe naar de andere;
+nu een oogenblik stilstaande, als om het opschrift op den steen te
+lezen; dan, in gebogen, peinzende houding, het schip doorgaande;
+hier voor een poos in de diepe schemering verloren, elders als
+eene schaduw voortglijdende langs de sombere zijbeuken. Hij is
+te midden der dooden: Peter, Catharina, Paul, ruwe krijgslieden,
+teedere vrouwen, onschuldige kinderen, en daar boven zijn hoofd
+hangen de verkleurde zegeteekenen van honderd oorlogen.--Wat voert,
+in dezen kouden winteravond, den tsaar hierheen? Drukt hem de
+last des levens? Verlangt hij naar den dood? Zie, hij staat stil,
+ontbloot het hoofd, knielt voor een graf:--dat zijner moeder! Een
+weinig verder, staat hij nogmaals stil en buigt wederom de knieën;
+langen tijd blijft hij geknield, in gebed verzonken; dan, opstaande,
+drukt hij een kus op het gouden kruis. Daar rust zijn oudste zoon!
+
+Een oogenblik later is hij vertrokken.
+
+
+
+AANTEEKENING
+
+
+[1] Wij verwijzen de lezers voor de nadere kennismaking met deze
+vier russische secten naar de zeer belangrijke bijzonderheden, op
+bladz. 308 en volg. van den jaargang 1870 der _Aarde_ medegedeeld. Het
+daar gezegde ontslaat ons van de verplichting, ditzelfde onderwerp
+thans nog eenmaal te behandelen.
+
+
+
+
+ DE KATHEDRAAL TE PUY.
+
+
+Schilderachtig ligt de oude stad Puy-en-Velay, de tegenwoordige
+hoofdstad van het departement der Haute-Loire, in haar krans van
+bergen, met hare amphiteatersgewijze oprijzende huizen, gekroond
+en beheerscht door hare indrukwekkende kathedraal. Deze laatste,
+waarvan de ommestaande plaat u eene afbeelding te aanschouwen geeft,
+behoort zeker tot de merkwaardigste kerkgebouwen van Frankrijk. Reeds
+door hare ligging op eene hooge rots, aan den rand van een afgrond,
+maakt zij een machtigen indruk: maar vooral ook door haar strengen,
+ernstigen gevel van witten en gekleurde steen, die onwillekeurig aan
+noordsche monumenten denken doet. Ook die groote, in schemerdonker
+gehulde zuilenhal, met haar zonderling, half koepelvormig gewelf,
+maakt, als ge binnentreedt, een diepen indruk, die nog verhoogd wordt
+door de soberheid en betrekkelijke armoede van den bouwtrant en het
+gemis van ornamentatie.
+
+Doch behalve deze eigenaardigheden, die iederen beschouwer
+treffen, is deze kerk merkwaardig in het oog van alle bouwkundigen
+en beoefenaars van de geschiedenis der architectuur, door de
+karakteristieke bijzonderheden en afwijkingen, die zij in haar
+bouwstijl vertoont. Hoewel door geheel haar aanleg tot den romaanschen
+stijl behoorende, draagt zij den stempel dier eigenaardige richting
+in de oud-middeleeuwsche architectuur van zuidelijk Frankrijk, die
+de school van Perigueux wordt genoemd, en zich onder den invloed van
+byzantijnsche denkbeelden en kunstregelen heeft ontwikkeld:--een
+hoogst merkwaardig verschijnsel, wellicht in aard en oorsprong,
+nog niet voldoende opgehelderd. De kathedraal van Puy vertoont in
+haar min of meer onbeholpen constructie duidelijk de sporen van een
+overgangstijdperk, waarin de nieuwe kunst, die straks in de gothiek
+hare heerlijkste uitdrukking zou vinden, aanving de stroeve vormen
+der oude romaansche en byzantijnsche architectuur te doordringen
+en te herscheppen. Ook als historisch monument is zij dus van zeer
+groot gewicht.
+
+
+
+
+ TWEE RUSTIGE PLEKJES.
+
+
+
+I. SCHAFFHAUSEN.
+
+
+Wat schilderachtig stadsgezichtje, dat oude Schaffhausen met zijne
+zonderlinge huizen, zoo grillig en fantastisch van bouworde; zoo
+bont geschakeerd langs de rivier, aan den voet van den heuvel,
+waarop het kasteel troont. Onwillekeurig roept dit tafreeltjen u
+de middeleeuwen voor den geest: op den berg de adellijke burcht;
+daar beneden, de kerk, die haar slanke spits hoog ten hemel heft;
+en om die beiden gegroept de huizen der eerzame poorters, door zoo
+menigen band aan burcht en kerk verbonden, in hun leven en streven,
+hun werken en denken zoo vaak, deels gewillig, deels gedwongen, de
+leiding volgende, die van beiden uitgaat. En, mits die leiding goed
+zij, wat steekt daar vernederends of onteerends in? Behoeft de schare
+geen leidslieden; en is het niet goed dat er zijn, die, door geboorte
+en levensbestemming en traditie meer dan anderen tot die taak bekwaam,
+zich daar ook geheel aan wijden kunnen? Heeft, zouden wij bijna vragen,
+het verbreken van dien natuurlijken, organischen band wel altijd heil
+aangebracht? Maar wij mogen ons hier niet in zulke vragen verdiepen,
+en willen dat ook niet doen. Genieten wij alleen het schilderachtig
+tafreeltjen, zonder al te zeer de bijzonderheden te ontleden, die ons
+wellicht menige onttoovering zouden berokkenen. En--wie weet?--wellicht
+dat de tijd, waarvan deze muurwerken getuigen, van te nabij gezien,
+ook iets zou verliezen van dien onbeschrijfelijk bekoorlijken glans,
+die hem nu voor ons, van verre staande, omstraalt!
+
+
+
+II. GEROLDSAU.
+
+
+Drie malen heb ik mij nedergezet onder de koele lommer dier groote
+boomen, aan den oever dier heldere, murmelende wateren, bij den
+waterval van Geroldsau.
+
+De eerste maal was ik diep ongelukkig: een zware slag had mij getroffen
+en mij den lust en het licht mijns levens geroofd.... De eenzaamheid
+zoekende, vond ik, in eene kleine vallei, tusschen groene heuvelen,
+die beek, die, rustig voortkabbelende, eensklaps in haar loop gestuit,
+met groot gerucht in de diepte stort. Ach, was zij geen beeld van
+mijn leven, ook zoo plotseling verstoord, verbroken, vernield? Was
+dat klagend geluid, die doordringend weemoedige toon der vallende
+wateren, niet als een echo mijner eigene ziel? Ik stond stil, en zette
+mij neder aan den oever, luisterend naar de stemme, die al dieper
+en dieper in mijn gemoed doordrong. En het was of die stem steeds
+minder van smart en vertwijfeling, steeds meer van rust en kalmte en
+ernstig streven sprak, steeds duidelijker getuigde van het blijvende
+te midden van al wat verandert. En ik zag, hoe de beek, op korten
+afstand, haar rustigen loop hernam, als hadde niets haar gestoord:
+en de hoop herleefde, flauwelijk nog, in mijne geschokte ziel.
+
+Toen ik haar wederzag, de schoone cascade, was ik niet ongelukkig, maar
+langdurige, inspannende, vermoeiende arbeid had mijn geest uitgeput:
+eene dofheid was over mij gekomen, die mij afleiding in reizen zoeken
+deed. Weer voerde mijn weg mij naar den waterval bij Baden. En toen
+ik daar nederzat, en naar die muziek der ruischende wateren hoorde,
+was het alsof eene stemme mij toeriep; frischheid en leven, ook
+voor den geest, ze zijn te vinden in de vrije, heerlijke natuur,
+aan de borst van Gods schoone schepping, vanwaar kracht en bezieling
+uitgaan. Is het gloeiend hoofd moe gepeinsd, naar buiten dan in het
+vrije veld, in de lommer der bosschen, aan den oever der wateren, op
+den top der bergen--daar slaat de geest op nieuw de matte wieken uit,
+en verheft zich tot hooger sfeer.
+
+En toen ik haar ten derden male weder zag, de cascade van Geroldsau,
+toen was ik blijde en gelukkig en vol frisschen levenslust: want een
+ster was opgegaan over mijn pad, en lieve handen strooiden bloemen
+op mijn weg. En de stem der natuur klonk mij in de ooren als een
+jubellied, als een triomfzang van het eeuwig bloeiende leven, vol
+frischheid en jeugd.... Is zij iets anders, de natuur, dan de spiegel
+onzer eigene indrukken? Of heeft hare stem voor ons zoo wondere kracht,
+omdat de geest, die uit haar spreekt, ook fluistert in ons eigen hart?
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's Het Vrije Rusland, by William Hepworth Dixon
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HET VRIJE RUSLAND ***
+
+***** This file should be named 18339-8.txt or 18339-8.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ http://www.gutenberg.org/1/8/3/3/18339/
+
+Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
+Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+http://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at http://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at http://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit http://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including checks, online payments and credit card donations.
+To donate, please visit: http://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ http://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
diff --git a/old/2006-05-07-18339-8.zip b/old/2006-05-07-18339-8.zip
new file mode 100644
index 0000000..16f9498
--- /dev/null
+++ b/old/2006-05-07-18339-8.zip
Binary files differ
diff --git a/old/2006-05-07-18339-h.zip b/old/2006-05-07-18339-h.zip
new file mode 100644
index 0000000..aa720a9
--- /dev/null
+++ b/old/2006-05-07-18339-h.zip
Binary files differ