diff options
| author | Roger Frank <rfrank@pglaf.org> | 2025-10-15 04:53:06 -0700 |
|---|---|---|
| committer | Roger Frank <rfrank@pglaf.org> | 2025-10-15 04:53:06 -0700 |
| commit | 647e462d50d95a1e295184588ce881e64ece3e74 (patch) | |
| tree | 72956a80323740350d410f50e8e133ec0657bd1f /old | |
Diffstat (limited to 'old')
| -rw-r--r-- | old/2006-05-07-18339-8.txt | 5886 | ||||
| -rw-r--r-- | old/2006-05-07-18339-8.zip | bin | 0 -> 134229 bytes | |||
| -rw-r--r-- | old/2006-05-07-18339-h.zip | bin | 0 -> 5015492 bytes |
3 files changed, 5886 insertions, 0 deletions
diff --git a/old/2006-05-07-18339-8.txt b/old/2006-05-07-18339-8.txt new file mode 100644 index 0000000..85638a1 --- /dev/null +++ b/old/2006-05-07-18339-8.txt @@ -0,0 +1,5886 @@ +The Project Gutenberg EBook of Het Vrije Rusland, by William Hepworth Dixon + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: Het Vrije Rusland + De Aarde en haar Volken, 1873 + +Author: William Hepworth Dixon + +Release Date: May 7, 2006 [EBook #18339] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HET VRIJE RUSLAND *** + + + + +Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed +Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ + + + + + + + + + + + + HET VRIJE RUSLAND. + + + +De schetsen, die wij onzen lezers onder dezen titel aanbieden, zijn +ontleend aan het voor een paar jaren verschenen boek van den met lof +bekenden engelschen schrijver, William Hepworth Dixon, _Free Russia_, +het vrije Rusland, genaamd: welk werk door het beschaafde publiek +in Engeland en ook elders met grooten en welverdienden bijval is +ontvangen. De titel mag eenigszins zonderling schijnen: hooren wij +wat de schrijver zelf aanvoert om deze zijne keuze te rechtvaardigen. + +"_Swobodnaya Rossia_ (het vrije Rusland)--zoo zegt hij--is eene +uitdrukking, die in geheel dat groote land leeft in aller mond; +deze twee woorden geven het karakter aan en drukken tevens de hoop +uit van het nieuwe rijk, dat tijdens den Krimoorlog in het leven +is getreden. In vroeger tijd was ook Rusland vrij, niet minder dan +Duitschland en Frankrijk. Later werd het overstroomd door aziatische +horden; en sedert dien tijd handhaafde zich het tartaarsche element, +indien al niet in het wezen, dan toch wel in den vorm, tot aan den +oorlog van 1853; maar sedert den uitgang dier worsteling onderging het +oude Rusland eene herschepping. Deze nieuwe natie, die het behoud van +den vrede wenscht, en die vrij wil zijn:--deze is het, die ik vooral +gepoogd heb te schilderen." + +Het behoeft nauwelijks herinnering, dat de engelsche schrijver met +het feit, hetwelk zoo noodlottige gevolgen heeft na zich gesleept, +en aan de vrijheid van Rusland een einde gemaakt, den inval der +Mongolen bedoelt, die omstreeks de helft der dertiende eeuw het +grootste gedeelte van het toenmalige russische rijk veroverden, en +aan zich onderwierpen. Deze tartaarsche heerschappij duurde ruim twee +eeuwen, en heeft zeer zeker in het russische volkskarakter, en vooral +in de maatschappelijke en staatkundige instellingen, zeer diepe sporen +achtergelaten. Uit dien tijd dagteekent, bijvoorbeeld, de invoering +der lijfeigenschap; evenzoo is het aan geen twijfel onderhevig, of +deze mongoolsche overheersching heeft aan geheel het leven van den +russisch-slavischen volksstam dat eigenaardig oostersch, aziatisch +karakter gegeven, dat Peter de Groote met forsch geweld heeft gepoogd +uit te roeien, maar dat toch ook nu nog eene zoo scherpe lijn trekt +tusschen Rusland en de volkeren van westelijk Europa. Volgens onzen +schrijver zou nu de Krimoorlog, in zijne gevolgen, den machtigen stoot +hebben gegeven, die het in aziatische barbaarschheid half verzonken +russische rijk weder tot nieuw en hooger leven heeft opgewekt. Wat +hiervan moge zijn, volgaarne luisteren wij naar de altijd belangrijke +mededeelingen van den heer Hepworth Dixon: bovenal waar het een land +geldt, dat, zoo ons niet alles bedriegt, geroepen is, binnen een niet +te lang tijdsverloop, eene groote, wellicht voor eeuwen beslissende +rol in de wereldgeschiedenis te spelen. + + + +I. + +HET HOOGE NOORDEN. + + +"De Witte-zee!" riep, met een luiden lach, onze deensche gezagvoerder, +terwijl hij zijn dunnen rossigen knevel opstreek;--"de Witte-zee! een +mooie naam, inderdaad, voor eene zee, die er uitziet als engelsch +bier! De bedding moge wit zijn, want die is bezaaid met de beenderen +der schipbreukelingen;--maar het water is het nooit, tenzij dan dat +het bevroren en met sneeuw bedekt is. Neen, dan hebben de matrozen +en de zeehondenvisschers een beteren naam bedacht: zij noemen haar +de IJszee." + +Na de Noordkaap--eene lichtgrijze, fantastisch gevormde, sombere +rotsmassa, die ver in de schuimende golven der Poolzee uitsteekt,--te +zijn omgevaren, stevenen wij zuidoostwaarts, onophoudelijk gedurende +twee verschrikkelijke dagen geteisterd door wind, hagel en regen. In +al dien tijd zagen wij niets van de zon: wel bespeurden wij omstreeks +middernacht een flauw schijnsel, dat aan den morgenstond deed denken: +maar op den middag was het weder dezelfde onbestemde schemering, +juist even voldoende om de omringende duisternis zichtbaar te maken. + +De schilderachtige, overal door baaien en inhammen afgebroken en met +hooge bergen geteekende kust, die wij tot dusver volgden, ligt achter +ons: wij zeilen nu langs een vlak, eentonig, somber, ongebroken strand, +bijna altijd in een dichten nevelsluier gehuld, die ons slechts nu en +dan een blik op de akelige, levenlooze streek gunt. Na eene vervelende +vaart van ongeveer vijftig uren, komen wij eindelijk aan een laag +land, dat, half in den nevel verloren, zich verre weg naar het zuiden +uitstrekt, niet ongelijk aan eene grauwe wolkenlaag. Wij varen tusschen +kaap Kanin en de zoogenaamde Heilige-kaap, _Swioetoi-Noss_, door, en +stevenen vervolgens het ongeveer dertig mijlen breede kanaal binnen, +dat van de Poolzee naar de ruime en grillig gevormde binnenzee voert, +onder den naam van de Witte- of IJszee bekend. + +De kust aan onze rechterhand is die van Lapland: een treurig, akelig +land, waar men niets ziet dan sombere, doodsche meren en poelen, +en naakte, grijze duinen, door een grauwen hemel overwelfd. Hier +en daar zetten enkele jagers, te midden dezer eenzame wildernissen, +het schrale wild na; ettelijke visschers werpen hunne netten in de +naargeestige wateren. Deze lieden zijn onderdanen van den Tsaar en +leden der orthodoxe kerk: maar zij spreken eene taal, die in het +Winterpaleis bezwaarlijk verstaan zou worden; en zij hebben zekere +godsdienstige ceremoniën en gebruiken bewaard, waaraan de heilige +Synode hare goedkeuring nog niet gehecht heeft. + +Lapland is ééne groote wildernis van reusachtige rotsen, en diepe en +donkere poelen en moerassen; hier en daar kronkelt zich daartusschen +eene smalle vallei, langs wier hellingen die schrale mosplanten +groeien, waarmede zich de rendieren voeden. Groepen van pijn- en +berkeboomen brengen nu en dan in dit sombere landschap een weinig +afwisseling; maar in deze koude luchtstreek tiert geen graan, +en de bewoners moeten van de opbrengst hunner jacht en visscherij +leven. Hunne eenige weelde, het roggebrood, moet te water uit Onega +en Archangel worden aangevoerd: deze steden zelf ontvangen dit +brood uit de zuidelijker provinciën. De Laplanders zijn nomaden; +zij brengen den eindeloozen winter door in hutten, die zij zoo +goed mogelijk inrichten; gedurende den vluchtigen zomer vertoeven +zij in tenten. De piramidaalvormige hutten worden uit ruw behouwen +boomstammen opgetrokken; eene dikke laag van mos belet het doordringen +van het ijskoude water. Hunne tenten deden mij denken aan die der +Comanches-Indianen: zij bestaan uit aaneengenaaide rendiervellen, +die over een paal gespannen worden; eene opening van boven dient om +den rook door te laten. + +Naar gelang van het jaargetijde, verplaatst de Laplander zijne woning +van de eene plek naar de andere; nu eens laat hij zijne rendieren langs +de hellingen der heuvelen grazen; dan weder tracht hij de visschen +in de rivieren en langs de kusten te verschalken; des zomers zwerft +hij door het binnenland, om mossen op te zoeken; in den winter trekt +hij naar het strand, om zeehonden en kabeljauw te vangen. De mannen +weten evengoed om te gaan met de lans, het oude nationale wapen, als +met het geweer, dat zij in later tijd van vreemde kolonisten hebben +overgenomen. De vrouwen, die er met hare broeken van zeehondenvel en +hare jassen van rendierenvel alles behalve bevallig uitzien, zijn +meest allen in allerlei tooverkunsten ervaren. In alle noordsche +landen gewaagt men niet dan met schrik van die afschuwelijke heksen, +die, naar de boeren meenen, altijd een of anderen boozen geest tot +hare beschikking hebben. Eene Laplandsche leest in de toekomst, +en voorspelt wat de komende dag brengen zal. Zij heeft de macht om +iemand te betooveren of met kwalen en ziekten te bezoeken; zij kan +zich naar goedvinden in de lucht verheffen, en de schepen doen zinken, +die op den verren oceaan met de golven worstelen. + +Aan onze linkerhand hebben wij het schiereiland Kanin, dat mede +deel uitmaakt van de woeste, dorre landstreek, waar de Samojeden hun +zwervend leger opslaan: eene akelige ijswoestijn, nog verschrikkelijker +dan de wildernissen, waarin de Laplander het wild vervolgt. Deze +provincie van het groote rijk heeft noch dorpen, noch wegen, noch +akkers; zij heeft zelfs geen eigen naam, want de Russen noemen haar +nooit anders dan bet land der Samojeden. Zij strekt zich noord- en +oostwaarts uit, van de muren van Archangel en de kust van kaap Kanin, +tot aan de toppen van het Oural-gebergte en de IJzeren poorten van den +zeeboezem van Kara. In hare dalen en kloven smelt de sneeuw nooit; en +hare kusten, die eene lengte van ongeveer zevenhonderd mijlen beslaan, +zijn gedurende acht maanden van het jaar ongenaakbaar door onafzienbare +ijsmassa's. In Juni, wanneer de winter voor korte oogenblikken wijkt, +bekleeden zich de hellingen van enkele gunstig gelegen valleien +met mossen, waarvan het doffe, sombere groen, hier en daar, scherp +afsteekt tegen het eentonige bruin der naakte rotsen en het grauwe +lijkkleed van vuile sneeuw. Met deze kostbare mossen voedt zich het +rendier, het kameel der poollanden, dat in deze onherbergzame oorden +het leven voor de menschen voor 't minst mogelijk maakt. + +Het woord Samojeed beteekent kannibaal, menscheneter: althans zoo zegt +de taalwetenschap. De Samojeden zouden dus antropophagen zijn. Maar ook +deze wetenschap is niet onfeilbaar: en om eene dergelijke uitspraak +te staven, zijn er duchtige bewijzen noodig, meer afdoende dan +tot dusver zijn aangevoerd: er blijft dus nog ruimte voor verdere +onderzoekingen. De Samojeden koken hunne spijzen niet; het is mij +onbekend, of zij menschenvleesch eten; wel weet ik dat zij het +vleesch der rendieren rauw verslinden. Hunne jacht- en zwerftochten +steeds verder uitstrekkende, zijn de Samojeden, aanvankelijk in het +hooge noorden van Azië gevestigd, het Oural-gebergte overgetrokken, +en hebben zich in de landstreken tot nabij kaap Kanin verspreid: +een land, zoo koud, zoo ruw en zoo dor, dat waarschijnlijk geen +ander menschenras het daar zou kunnen uithouden. Daar vonden hen +de Zarayny, die hen hebben overwonnen en in een toestand gebracht, +zeer nabij aan de slavernij grenzende. + +Deze Zarayny, een dapper en verstandig volk, schijnen, wat afstamming +en taal betreft, het naast aan de Finnen verwant; waarschijnlijk +zijn zij de overblijfselen eener aloude volkplanting van _trappers_ +of jagers. Zoowel door gestalte en voorkomen als door aanleg en +ontwikkeling, munten zij boven de Samojeden uit; evenals de Russen, +bouwen zij zich houten hutten, en bezitten talrijke kudden rendieren, +waarvan de bewaking aan het overwonnen volk wordt opgedragen. Deze +onderwerping aan een meer begaafd en ontwikkeld ras is voor den +Samojeed de natuurlijke voorbereiding tot een hooger trap van +beschaving; hij leert het menschelijk leven ontzien en eerbiedigen, +de rechten van den eigendom erkennen en waardeeren. Een amerikaansche +Roodhuid leeft van de buffeljacht; hij doodt veel meer dieren +dan hij voor zijne behoefte noodig heeft, louter uit zucht om +te dooden en de vernielen. De Samojeden zouden evenzoo handelen: +maar de Zarayny hebben hun geleerd, het zoo onontbeerlijke dier, +zonder hetwelk de mensch hier niet leven kan, te vangen, te temmen +en als huisdier te gebruiken. Als een echte wilde, maar weinig hooger +staande dan de Pawnie van Noord-Amerika, bouwt de Samojeed zich geene +vaste woning; hij weet niets van landbouw, en heeft ook geen begrip +van grondeigendom. Even als de Laplander, woont hij in eene hoogst +eenvoudige tent, die, vooral van binnen, dadelijk aan een indiaanschen +wigwam denken doet: want zij bevat niets dan eenige huiden, waarop +de bewoners plaats nemen. In deze tenten zoudt ge vruchteloos naar +eenig spoor van kunstvaardigheid zoeken; zelfs de ruwe teekeningen, +waarmede enkele indiaansche stammen hunne armelijke woningen opsieren, +ontbreken hier. Toch heeft de Samojeed eenige, het is waar zeer +onbestemde, denkbeelden en voorstellingen van maatschappelijk leven, +zelfs van eene regeering. Eene groep van een zeker aantal woningen +draagt den naam van _choum_; aan het hoofd van iederen choum staat +een _chaman_, een soort van geestelijk opperhoofd. + +De tegenwoordige keizer heeft eenige priesters naar deze stammen +afgezonden, zooals weleer Marfa Boretski zijne popen en monniken naar +Lapland en Karelië zond, in de hoop de onbeschaafde heidensche inwoners +tot het Christendom te bekeeren. Men zou zoo gaarne willen gelooven, +dat deze zendelingen inderdaad nut stichten en eenige vrucht op hun +arbeid zien: maar de Russen, die van nabij met het land en zijne +bewoners bekend zijn, halen glimlachend de schouders op, als men hen +spreekt over de orthodoxe propaganda langs de kusten van de golf van +Obi en de zee van Kara. Uit eigen ervaring kan ik hieromtrent geen +oordeel vellen; het toeval heeft mij echter in aanraking gebracht met +een dier grieksche priesters, die, waarschijnlijk wanhopende aan de +mogelijkheid om het volk tot zich op te heffen, mooi op weg was om +zelf tot het peil zijner onwillige hoorders af te dalen. Hoewel hij +nog altijd den titel van pope bleef voeren, leefde hij als een chaman; +hij had de kleeding van zulk een samojeedsch opperhoofd aangenomen, +en met elken dag naderde hij in zijn gang, manieren en voorkomen, +meer en meer tot de mongoolsche type. Men beweerde zelfs, dat hij +zijne tent met eene inlandsche tooverkol deelde. + +Deze volksstammen bewaken de grenzen van het rijk der Tsaren; +hunne naakte rotsen en wilde bergen zijn als het ware de voorhof van +Groot-Rusland, dat aloude vaderland der Russen van echten ouden stam, +welks velden en vlakten en bosschen nooit hebben weergalmd van den +hoefslag der tartaarsche ruiters. + +Waarom, vraagt iemand wellicht, dus door het uiterste noorden +Rusland binnen getreden? Mijn waarde lezer, ik had daarvoor mijne +goede redenen. Stel eens dat de Groot-mogol in de zeventiende eeuw +Engeland veroverd had; dat de aziatische denkbeelden en gewoonten, +gedurende meer dan twee eeuwen, te Londen den toon hadden gegeven; +dat ons Brittanje, eindelijk het juk afwerpende, zijne burgerlijke +zelfstandigheid, zijne overoude vrijheden, instellingen en rechten +had herwonnen:--welk land denkt gij dan, dat een vreemdeling, die het +echte engelsche karakter zou willen bestudeeren, in de eerste plaats +zou bezoeken? Zou hij niet zijne schreden naar Amerika richten, +om daar, in Massachusetts, een zuivere type te vinden, door geen +vreemde oostersche invloeden verbasterd? Eerst later zou hij de daar +aangevangen studiën willen voltooien door een bezoek aan de boorden +van den Theems en de Mersey. + +Evenzoo moet de reiziger, die zich eene juiste voorstelling wil +vormen van het vrije Rusland der toekomst, waaraan de Krimoorlog het +leven gegeven heeft, zijne waarnemingen beginnen in de noordelijke +provinciën: want alleen in dit land van wouden en meren en moerassen +vindt hij een tak van den grooten slavischen stam, die nimmer voor +een vreemden heerscher gebogen heeft, en nooit, door de aanraking met +andere nationaliteiten, van zijne voorvaderlijke zeden en levenswijze +is afgetrokken. + +De landstreek tusschen Perm en Onega, die eene oppervlakte beslaat +van zevenmaal de uitgestrektheid van Frankrijk, werd door kolonisten +uit Nishny-Nowgorod bevolkt en ontgonnen, ten tijde toen deze +groote stad nog in het genot harer volle zelfstandigheid was, +rijk door haar handel, beroemd door haar kunstliefde en haar +godsdienstzin, de mededingster van Frankfort en Florence, evenals +Londen en Brugge, lid van het machtige verbond der Hansa. De aldus +gestichte koloniën handhaafden en verdedigden eeuwen lang hare aloude +rechten en vrijheden; zij weerden zoowel den duitschen invloed als de +overheersching der Tartaren af, en bewaarden het nationale karakter +in al zijne zuiverheid, vrij van alle vreemde bijmengselen. "Nooit," +zeide mij, met blijkbare fierheid, een pachter van Archangel, "nooit +hebben wij onder ons edelen of slaven gekend." In alle opzichten, +zoowel ten goede als ten kwade, zijn zij aan hunne oude levenswijze +en zeden getrouw gebleven; en toen de Tsaar Godonoff, ten jare 1601, +de aartsvaderlijke inrichting van het dorps- en gemeentewezen naar het +tartaarsche model wilde vervormen, boden zij een even hardnekkigen +weerstand, als toen, zes-en-zestig jaren later, de patriarch Nikon +in de eeredienst veranderingen wilde invoeren, die meer met den +byzantijnschen geest dan met de oud-russische traditie strookten. + +Deze vrije kolonisten, niet wijkende voor den aandrang van wereldlijke +en geestelijke machthebbers, weigerden standvastig hun ouden ritus +te verruilen voor de officiëele liturgie, die men hun opdringen +wilde. Zij behielden hunne taal, hoewel de hoofdstad die verworpen +had; en eindelijk, toen de bestemde tijd vervuld was, schonken zij +aan de wereld een groot dichter, Michael Lomonosoff, die, in eene +boerenhut geboren, der vernederde en vergeten taal een nieuwen +luister schonk, en haar de heerschappij verzekerde in de school, +in de regeeringscollegiën en zelfs aan het hof. + + + + +II. + +DE WITTE-ZEE. + + +Wij varen om kaap Intzy, en laten achter ons de nauwe zeeëngten, +die Lapland van het land der Samojeden scheiden: de Witte-zee opent +zich voor ons. + +Deze zee, ruim tweemaal zoo groot als het uitgestrektste meer der +Vereenigde Staten, het Lake Superior, herinnert door hare gedaante +eenigermate aan het meer van Como: ten noordwesten dringt zij met +eene smalle baai, de golf van Kandalask, diep in Lapland door; ten +zuiden splitst zij zich wederom in twee baaien, door eene breede +zandvlakte gescheiden, waarvan de armzalige bewoners van visscherij +en zeehondenvangst leven. Naar de rivieren, die zich in deze baaien +uitstorten, voert de eene den naam van golf van Onega, de andere +dien van golf van Dwina of van Archangel: welke laatste naam meer +algemeen is. Aan de monden dezer rivieren liggen de beide koopsteden +Onega en Archangel. + +De Witte-zee is over het algemeen zeer diep: aan den ingang schat +men de diepte op tachtig vademen; nabij de golf van Kandalask wijst +het peillood niet minder dan honderd-zestig vademen aan; toch is +het strand doorgaans noch hoog, noch steil. De golf van Onega is met +rotsen en eilanden bezaaid, waarvan de meesten echter niet veel meer +zijn dan zandbanken, die haar ontstaan danken aan het slib, dat de +golven van de vlakten van Kargopol medevoeren. Aan den ingang der +golf, tusschen kaap Orlow en de stad Kem, ligt eene groep van meer +belangrijke eilanden, zooals Solowetsk Anzersk, Moksalma en anderen, +aan wier namen zich veelvuldige legenden en herinneringen uit de +vroegere en latere geschiedenis van Rusland hechten. + +Solowetsk, het aanzienlijkste eiland van dezen kleinen archipel, boogt +op zijn beroemd klooster, nog geheel vervuld met de herinnering aan +Sint-Servatius en Sint-Zosimus; zijne muren herbergden ook eenmaal +den heiligen Filippus. Dit klooster bezit hoogvereerde relieken, +waaraan monarchen en bedelaars om strijd hulde komen bewijzen; in zijne +ruime gangen en hoven dwaalt het ontzaggelijke spooksel om, waarvan +de gedachte alleen den kozak in zijne tent, en den kabeljauwvisscher +in zijne schuit, eene siddering door de leden jaagt. Dit klooster was +het tooneel van een aantal merkwaardige gebeurtenissen, en zelfs van +wonderen, door de poëzie en de schilderkunst verheerlijkt. + +Nabij den mond van de Dwina verheft zich de voor korten tijd gebouwde +vuurtoren, die tachtig voet boven de zee oprijst; maar de nevel +is meestal zoo dicht, dat het bijkans onmogelijk is den toren te +zien. Wij krijgen hier een loods aan boord; zijn gelaat, door zware +lokken omgolfd, drukt zachtheid en geduldige lijdzaamheid uit. Op +een nederigen, half vreesachtigen toon, als duchtte hij dat zijn +raad kwalijk zou worden opgenomen en hij zelf mishandeld, deelde hij +ons mede, dat het aan den mond der rivier laag water was, en dat wij +verplicht zouden zijn den vloed af te wachten. + +"Wachten!" roept onze kapitein; "neen, dat nooit! Help ons liever +een handje, dan zullen wij er wel doorkomen." + +Juist breekt de zon door de nevelen heen; maar de zwarte wolken hangen +laag en dreigend; ieder gevoelt dat een stormvlaag op handen is. Dicht +bij den mond liggen twee booten, de _Thera_ en de _Olga_, die als +beschonkenen heen en weder slingeren; toch geeft de russische loods +glimlachend toe; de machine werkt met halve kracht, en wij stevenen +naar de rij van zwarte en witte bakens, die voor ons op de golven +dobberen. Weldra laten wij de _Thera_ en de _Olga_ achter ons, die, +terwijl wij voorbij stoomen, nog heviger slingeren en schudden, en +waarvan de zeilen rusteloos beven, als een door de koorts gefolterde +kranke. Een half uur later varen wij tusschen de tonnen door: wij +zijn in de buitenhaven. + +Evenals de meeste groote rivieren, heeft ook de Dwina aan haar mond een +delta van eilandjes en banken gevormd, waartusschen hare wateren naar +zee vloeien. Geen enkel dezer kanalen kan aanspraak maken op den naam +van eigenlijken hoofdtak der rivier; want de Dwina, nog grilliger dan +de zee, is aan voortdurende veranderingen onderhevig. Een stoomboot, +die in Augustus door een breeden arm naar zee is gestevend, zal, +in Juni van het volgende jaar terugkomende, dien weg soms bijkans +gesloten vinden en een anderen doortocht moeten zoeken. Volgens oude +kaarten bevond zich de voornaamste monding niet ver van het klooster +Sint-Nikolaas; later had zij zich nabij het eiland Rosa verplaatst; +eindelijk liep zij voorbij de batterijen van het fort Dwina. Maar +twee zomers achtereen woedden er geweldige stormen in de poolzeeën, +die den loop der stroomen en de ligging der banken veranderden: +de bestaande riviermond werd verstopt. De haven-politie zag de ramp +aan--en bleef werkeloos. Wat kon zij ook doen? dit geval was in hare +instructie niet voorzien. Misschien zou Archangel voor immer van +zijne gemeenschap met de zee, waaraan het zijn welvaart dankt, zijn +verstoken geworden, indien niet een deensch koopman aan de vreemde +handelshuizen had voorgesteld, een stoomboot te huren, en te beproeven +of er voor hunne schepen geen andere weg naar zee te vinden was. "Het +water in de rivier zakt, zeide hij: dus moet het zich een doortocht +naar zee hebben gebaand. Laat ons dien opzoeken." De noodige gelden +werden bijeengebracht; de boot voer de rivier af, en bracht de blijde +tijding, dat in een der armen, dien van Maimaks, voldoende diepte +werd aangetroffen om de grootste schepen te kunnen doorlaten. Zoo +scheen dan het bezwaar opgeheven, de gemeenschap tusschen de stad +en de zee was weder hersteld, en de inwoners verheugden zich reeds +over de gewichtige dienst, aan hun handel bewezen. Maar zij hadden +buiten den waard, dat is buiten de havendirectie gerekend. Nog nooit +was een schip van Archangel door dien rivierarm naar zee gegaan; +voor dien waterweg was geen reglement vastgesteld; en de politie kon +toch niet toelaten, dat een schip, zonder reglement, langs dien weg +uitliep! Vergeefs waren alle verzoeken en protesten der kooplieden: +de politie was onverbiddelijk; de scheepvaart stond stil; de rijk +geladen schepen konden in de haven blijven liggen, omdat in de +reglementen geen melding werd gemaakt van dien nieuwen mond. + +Men richtte een adres aan den gouverneur van Archangel, prins Gragarin: +maar hoewel hij hartelijk lachte om de bespottelijke bekrompenheid +der havendirectie, liet hij toch de zaak zooals zij was: ook hij had +omtrent dit punt geene instructie, en zijn persoonlijk belang was +er niet bij betrokken. De directeur der douane, Gospadin Sredine, +wilde er, zoo mogelijk, een eind aan maken, en bood aan, op eigen +gezag, voor den nieuwen waterweg ontvangers te benoemen en kantoren +te vestigen; maar de politie was..... de politie. Eindelijk, nadat +eenige weken met dit gehaspel vermorst waren, zonden de kooplieden en +reeders een smeekschrift naar Petersburg, en zoo kwam de zaak Keizer +Alexander ter oore. Deze maakte er dadelijk een einde aan, zeggende: +"Het spreekt van zelf, dat de schepen een nieuwen weg naar zee moeten +volgen, als de oude onbruikbaar is geworden." + +De Witte-zee zou bijna den naam van de moorddadige verdienen: zij +is een groot graf. Zelfs de lieden, voor wie stormen en schipbreuken +zich oplossen in eene reeks cijfers en vergelijkende tabellen--zooveel +schepen door de ijsschotsen verbrijzeld, zooveel gezonken, zooveel +menschen verongelukt of vermist, dat is zooveel percent van het geheel; +zelfs de statistici, voor wie de menschen geene andere bestemming +schijnen te hebben dan om in kabbalistische tabellen en vervelende +rapporten te figureeren; zelfs zij zouden wellicht nog een ander +gevoel niet geheel kunnen onderdrukken, wanneer de sombere geschiedenis +dezer akelige zee voor hen werd ontrold. Wat vreeselijke worstelingen, +wat zielverscheurende angsten en smarten heeft zij niet aanschouwd; +welke onuitsprekelijke klachten en jammerkreten hebben daar niet +weerklonken over die doodsche, grauwe wateren, door dien duisteren +nevelsluier, als eene lijkwade over de golven verspreid: klachten +en jammerkreten, door geen menschelijk oor vernomen, wegstervende +in het loeien van den storm, het brullen der golven, het donderend +kraken der ijsbergen! Eenige jaren geleden, waren meer dan honderd +schepen op eenmaal in het ijs geklemd: schepen van allerlei afmeting +en soort, en van verschillende landen afkomstig: zweedsche, deensche, +hollandsche, engelsche. De engelsche consul te Archangel, van den +toestand onderricht, telegrafeerde om hulp naar Engeland. Weinige +dagen later, den 12den Juli, vertrokken twee stoombooten van Londen, +om de ingesloten schepen en hunne bemanning te redden. Veertien +dagen na haar vertrek, verschenen de beide booten in de Witte-zee, +en begonnen zij haar zwaren en moeilijken arbeid. + +De talrijke vloot was de havens van de Dwina uitgezeild, zoodra de +tijding was gekomen dat het ijs in de golf begon te smelten; maar toen +de schepen den zoogenaamden Gorgel--het kanaal dat de Witte-zee met +de Poolzee verbindt--waren binnengeloopen, keerde de wind plotseling +van het noorden naar het zuiden; in een oogenblik zagen de schepen +zich nu van alle zijden omringd en ingesloten door ijsschotsen, die +met geweld tegen elkander botsten. Met groote moeite en de uiterste +voorzichtigheid bereikte de vloot, zonder hinder, kaap Kanin; maar +nu strekte zich voor haar eene hooge en zware ijsmassa uit; het was +volstrekt onmogelijk, verder door te dringen: de schepen kraakten en +zuchtten en trilden bij den herhaalden schok der drijvende schotsen +en ijsbergen. Tot overmaat van ramp, draaide de wind weder naar +het noorden, en dreef nu drie dagen achtereen de ijsschotsen naar de +zee-engten; de schepen werden achteruit geworpen, en de doortocht naar +de open zee hun geheel versperd. Vruchteloos worstelden zij tegen +den geweldigen stroom, die hen naar de rotsige kusten van Lapland +heenvoerde, waar zij weldra door een onverbreekbaren muur van ijs +waren ingesloten. + +Nu werd de akelige stilte dezer doodsche wateren telkens afgebroken +door het luide gekraak der schepen, wier kiel tusschen de opdringende +schotsen verbrijzeld werd, als een glas tusschen de vuist van een +reus. Ging een schip te gronde, dan sprongen de matrozen op het ijs, en +redden zich aan boord van het naastbij gelegen vaartuig: misschien om +eenige uren later nogmaals te verhuizen. Soms leden dezelfde matrozen, +op eenen dag, vijf of zesmaal schipbreuk, wanneer de bodems, waarop +zij eene toevlucht hadden gezocht, plotseling onder hunne voeten +wegzonken.--Toen de twee stoombooten hare taak hadden volbracht, +werd de volgende opgave aan het ministerie van koophandel gezonden: + +"Het getal schepen, die door de bemanning moesten verlaten worden, +bedroeg vier-en-zestig; veertien schepen waren gered; de vijftig +anderen waren gezonken. Onder deze laatsten waren er achttien, in +Engeland gebouwd en door Engelschen bemand." + + + + +III. + +DE DWINA. + + +De lage en vlakke oevers, met een weelderigen plantengroei bedekt, +de vele groene eilanden in den mond der Dwina verspreid, herinneren +aan den Missouri: maar het slib van de Dwina is minder vruchtbaar dan +dat, hetwelk de amerikaansche rivier met hare wateren aanvoert. Hier +prijken de eilanden alleen met gras en laag geboomte. Ginds, op +het vaste land, strekt zich, zoover men zien kan, een bosch van +eeuwenheugende pijnboomen uit. + +Het lage vlakke eiland, dat men, bij het invaren der monding, +ter rechterhand laat liggen, heet Sint-Nikolaas, ter eere van +den priester, die, in heiligen geloofsijver ontvlamd, maar men +verhaalt, op het concilie te Nicea, den ketter Arius een slag in het +aangezicht gaf. Niemand weet waar deze Nikolaas eigenlijk geleefd +heeft en gestorven is; ook maakt de geschiedenis geene melding van +zijne tegenwoordigheid op het eerste concilie van Nicea. Volgens de +overlevering zou hij te Liki geboren zijn, en te Mira hebben gewoond: +van daar de bijnaam van den heilige van Mirliki; maar geen enkele regel +schrifts van hem is tot ons gekomen, en hetgeen men van hem verhaalt +is dikwijls in onderlinge tegenspraak. Dit alles belet evenwel niet, +dat Nikolaas een zeer populaire heilige is, die bij het volk hoog +staat aangeschreven. Hij is de patroon der edelen, der kinderen, +der matrozen, der bedevaartgangers; de troost en hulp der armen, +der verdrukten en zwervelingen. In deze noordsche wildernissen wordt +zijn naam door allen aangeroepen, vindt men zijn beeld in elke hut; +maar nergens misschien wordt hij ijveriger en vuriger vereerd dan +langs de kusten der Witte-zee. Met welk eene vrome blijdschap en +innige zelfvoldoening leest de arme visscher dezer stranden in zijn +_Levens der Heiligen_ (voor hem Bijbel, heldendicht, geschied- en +wetboek tevens), dat Nikolaas de machtigste is van alle heiligen, +die in den hemel wonen; dat hij aan de rechterhand Gods is gezeten, +en het bevel voert over een leger van driehonderd engelen, die, +met het zwaard in de vuist, gereed staan op zijn wenken te vliegen! + +Een moujik (boer) vroeg eens aan een mijner vrienden, wie God zou +worden, wanneer God kwam te sterven. + +"Mijn goede vriend", antwoordde de Engelschman met een glimlach, +"God zal nooit sterven." + +De boer stond een oogenblik versuft, en herhaalde hoofdschuddend: +"Hij zal nooit sterven!"--Toen, zich eensklaps herstellende, als ware +hem plotseling een licht opgegaan, hernam hij ernstig: "Ja, nu zie ik +het: gij zijt een ongeloovige, iemand zonder godsdienst. Ik weet het +beter dan gij. God zal zeker eens sterven, want Hij is reeds zeer oud; +en dan zal Sint-Nikolaas in zijne plaats treden." + +Terwijl wij door den Maimaks-arm stoomen, mogen wij onze oogen +verkwikken aan het frissche groen der weilanden en dichte struiken: +eene weldadige verrassing, nadat wij zoolang niets anders hadden +gezien dan naakte, sombere rotsen, loodkleurige wolken en vuil-grauwe +wateren. Maar achter de biezen, achter de struiken en boomen, +zoeken wij vergeefs, wat toch bovenal leven en bekoorlijkheid aan +het landschap schenkt: menschelijke woningen. Eene enkele armelijke +planken hut is alles, wat wij kunnen ontdekken; in een klein weiland +staan eenige mannen bij een soort van dijkje; een jeugdige knaap ligt +achteloos uitgestrekt in een broze schuit, die met de deining der +stoomboot op en neder wiegelt; maar niemand schijnt hier te wonen; +de mannen en de knaap zijn van een naburig dorp gekomen. Zij zijn de +rivier afgezakt, om voor hunne koeien wat gras te maaien, en eenig +brandhout te verzamelen; straks zullen zij weder scheep gaan en naar +huis keeren. + +Langs de oevers der oude kanalen vindt men dorpen in menigte; +die dorpen bestaan uit een groep van eenige hoogst eenvoudige +woningen, rondom eene kerk en een klooster geschaard, en hier en daar +geflankeerd door eenige windmolens, die hunne armen, als bezetenen, +rondwentelen. Elk dorp en elk gehucht is op de vooraf aangewezen plaats +gebouwd; zij gelijken allen volkomen op elkander: vergeefs zoudt +ge, in bouwtrant of inrichting, eenig spoor van oorspronkelijkheid +zoeken. Alles geschiedt hier naar vastgestelde regels; de pope en +de _starost_, keizerlijk ambtenaar, moeten in alle omstandigheden +geraadpleegd worden, en wat zij voorschrijven of aanraden, geldt +als wet. + +Overal in deze streken wordt de aandacht van den vreemdeling +onwillekeurig getrokken door de groote menigte kruisen, die zich langs +de kusten en langs de oevers der groote rivieren verheffen. Zoodra de +hemel zich dreigend laat aanzien, gaat de zeeman aan land, richt een +kruis op, en knielt neder om te bidden. Als zich dan een gunstige wind +verheft, rijst hij op en keert naar boord terug, het heilige teeken op +de woeste kust achterlatende, als een offer zijner dankbaarheid. Is +er inderdaad ernstig gevaar, dan gaat vaak de gansche bemanning +aan land; een paar boomen worden geveld en daarmede een groot kruis +opgericht, waarop de namen der matrozen en de dagteekening worden +gesneden. Langs de kusten der Witte-zee ontmoet men elk oogenblik +deze vrome gedenkteekenen maar nergens zijn zij zoo menigvuldig als op +de rotsen der Heilige-eilanden. Stomme en toch welsprekende getuigen +van doorgestanen angst en onverwachte uitredding: elk kruis herinnert +aan een storm. + +Enkelen zijn inderdaad historische monumenten. In de hoofdkerk van +Archangel bewaart men zulk een _ex-voto_, door Peter den Groote +opgericht, toen hij in deze streken ternauwernood aan een schipbreuk +ontkwam; het werd later weggenomen en naar de kathedraal gebracht. "Dit +kruis is door kapitein Peter gesneden", zoo luidt het opschrift, +door de hand van den Tsaar zelf vervaardigd; en dat de keizer in +de beeldhouwkunst niet onervaren was, toont dit werk, dat met recht +op sierlijkheid en smaak aanspraak mag maken.--Is zij niet schoon en +aandoenlijk, deze gewoonte, om op de onherbergzame kusten, door stormen +geteisterd, en waar zoo menig, menigeen zijn graf in de golven vond, +overal de zichtbare teekenen te plaatsen van hulp en redding, als het +ware de tastbare gebeden en dankzeggingen voor de goddelijke genade, +die hielp waar alle menschelijke hulp te kort schoot? De engelsche +matroos, door tegenwind opgehouden, verlaat, met gramschap in de +ziel en luide verwenschingen op de lippen, de kust, waar hij tegen +zijn zin gevangen werd gehouden. Voorzeker, Jack Tar (de bijnaam der +engelsche matrozen, ons Janmaat) bezit voortreffelijke eigenschappen, +die niemand hem betwisten zal: maar deze kinderlijk vrome gewoonte +van den russischen zeeman, getuigt zij niet van hoedanigheden, die, +uit een zedelijk oogpunt, althans niet lager staan? + +Op de Dwina ontmoeten wij gansche vloten van houtvlotten en zoogenaamde +_praams_, die ons een eigenaardig beeld van het leven in deze streken +vertoonen. De vlotten bestaan uit lange reeksen van pijnboomstammen, +door middel van rijshout aan elkander verbonden; op het vlot staat +eene planken hut, waarin de eigenaar rustig zit te dommelen, terwijl +zijne mannen op den oever hout hakken, of den gang van het vlot +besturen. Deze vlotten komen dikwijls, drie- à vierhonderd mijlen ver +uit het binnenland, de Dwina en hare nevenstroomen afzakken. De slanke +pijnen, in de groote wouden van Wologda en Nishny-Konetz geveld, worden +naar de oevers der rivieren gesleept, en daar door krachtige handen +saamgebonden en tot vlotten vereenigd. In de steden, waar men langs +vaart, bestaat altijd overvloedige gelegenheid om kosteloos de noodige +manschappen te vinden, ter besturing van het vlot: want een aantal +boeren, die het heilige klooster van Solowetsk wenschen te bezoeken, +zijn steeds bereid om aldus de rivier af te zakken. Men schenkt hun +vrijen overtocht, onder voorwaarde dat zij het vlot helpen besturen, +en, waar het noodig is, boomen of roeien, of ook wel trekken. + +Wat de gemakken der reis aangaat, staan de praams hooger dan de +vlotten. Ik weet deze vaartuigen niet beter te vergelijken, dan +met de zoogenaamde arken Noachs, waarmede de kinderen spelen: het +zijn reusachtige schepen van ruw behouwen pijnboomen, door middel +van ijzeren haken aan elkander bevestigd; de voegen zijn met mos +en teer gestopt. Een schuin oploopend planken dak dient menschen +en koopwaren tot beschutting. Van binnen is verreweg het grootste +gedeelte der ruimte door een wand van dichte rietmatten afgeschoten: +daar worden de waren geborgen. Achter aan het schip is gewoonlijk +een pijnboom bevestigd, waarvan de kleinste helft in het water hangt, +en die als roer dient; aan de voorzijde is een soortgelijk roer, van +kleiner afmeting, aangebracht; het eerste wordt door zes of zeven, +het laatste door vier of vijf mannen bestuurd. Naarmate van de grootte +van het schip en de lading, worden dertig of veertig riemen, over de +beide zijden gelijkelijk verdeeld, gebruikt; deze riemen zijn jonge, +aan de uiteinden afgeplatte dennestammen. Zulk eene groote bark +kost zes- of zevenhonderd roebels, en kan tot achthonderd ton graan +vervoeren. Het eene uiteinde der praam is met planken afgeschoten, +en dient tot kajuit; het ameublement van dit vertrek bestaat uit +eenige banken, een tafel en ettelijke planken langs den wand, alles +van dennenhout. Aan den balk der zoldering hangt een ijzeren pot, +waarin het scheepsvolk, zoolang men op het water is, het eten kookt; +maar zoodra de praam in een haven binnenloopt, mag er geen vuur aan +boord zijn; zelfs mogen de matrozen dan geen pijp rooken. Het eten +moet dan aan wal worden klaar gemaakt. Bij de praam behoort een platte +schuit, uit vier of vijf saamgevoegde stammen bestaande, waarmede de +matrozen ten allen tijde gemakkelijk den oever kunnen bereiken. + +De leiding van het schip is toevertrouwd aan een nosnik, een loods, die +midden op het vaartuig staat en den roeiers de noodige aanwijzingen +geeft; hij is nauwkeurig met het vaarwater en alle ondiepten en +stroomingen bekend. Voor het overige is het gezag opgedragen aan +den gospodarz, die tevens hofmeester is.--Met het krieken van den +dag roept de nosnik het scheepsvolk toe: "Zet u neder en bidt tot +God!" Allen maken het teeken des kruises en buigen zich. Op den morgen +vóór de afvaart werpt ieder een koperen geldstuk in de Dwina, om de +rivier gunstig voor zich te stemmen: dan worden de touwen losgegooid, +en het vaartuig drijft langzaam met den stroom mede. Doorgaans heeft +men in Mei, wanneer de tocht begint, nu eens sneeuwbuien, dan vorst, +afgewisseld met dooiweder; straks weêr ijzel en hagel; herhaaldelijk +moet het schip tegen den wal gaan liggen, en zoo vaak de praam weder +afsteekt, wordt de ceremonie met het geldstuk herhaald. Bij fraai, +helder weder, wanneer het schip door den stroom wordt gedragen, +zetten de roeiers, wier dienst dan niet gevorderd wordt, zich in +een kring op het dek, en heffen uit volle borst een lied aan. Deze +roeiers zijn mannen van ijzeren kracht, die van geen vermoeienis weten. + +Zoowel de pramen als de houtvlotten en de andere binnenlandsche +vaartuigen hebben in den regel een aantal pelgrims aan boord, aan +wie, behalve vrije overtocht, ook nog een ration zwart brood en thee +wordt verstrekt, ter belooning der diensten, die zij als roeiers +of stuurlui bewijzen. Doorgaans is deze dienst niet zwaar, want de +rivier zelve verricht genoegzaam al het werk; de vlotten en pramen +gaan nooit stroomopwaarts. Te Solombola gekomen, wordt de lading, in +den regel uit graan, vlas, hennip en dergelijke artikelen bestaande, +in de vreemde schepen overgebracht, die daarop wachten, en waarvan +de meesten naar de engelsche of schotsche havens zijn bestemd. De +praam wordt vervolgens aan den wal gehaald, uit elkander genomen en +verkocht. Het hout wordt gedeeltelijk als timmer-, gedeeltelijk als +brandhout gebruikt. + +Solombola, de nieuwe haven van Archangel, is niet veel meer dan een +handvol verstrooide hutten, die aan een groep zwitsersche châlets +zouden doen denken, indien niet de menigte van groene koepels en spitse +torens u veeleer het beeld van eene bulgaarsche stad voor den geest +riep. Langs de rivier loopt een soort van dam of zanddijk, vijf tot +zes voet hoog; daar achter ligt het land zoo laag, dat alleen deze +dijk den omtrek tegen overstrooming beveiligt. Solombola is bijkans +een amphibie: in de lente, wanneer de rivier, door het smelten der +sneeuw, buiten hare bedding treedt, loopt de gansche stad onder, en +heeft men, even als in Venetië, een schuit noodig, om van het eene +huis naar het andere te komen. + + + + +IV. + +ARCHANGEL. + + +De eerste indruk, dien de vreemdeling, uit de Witte-zee komende en de +Dwina opvarende, ondervindt, is dat hij in eene geheel andere wereld +is verplaatst: menschen en dingen herinneren hem onwillekeurig aan +het Oosten. + +Bij het binnenloopen der rivier, trekt het uwe aandacht dat de loods +weigert het dieplood uit te werpen. "Maak u niet ongerust," zegt +hij: "het is hier diep genoeg; er zal ons geen ongeluk overkomen, +tenzij dan dat God het wil."--Trouwens een russische loods peilt +zelden. Waartoe ook: is niet de diepte van het vaarwater, voor de +verschillende plaatsen en tijden, bij het reglement, bepaald, zoodat +daaraan niets valt te veranderen? Het in zee uitgeworpen lood zou +haar immers toch niet dieper maken? + +Gij vaart tusschen de eilanden door; de landlieden die gij op het +veld of langs de oevers ziet, dragen allen, mannen zoowel als vrouwen, +mantels van schapenvel: een kleedingstuk, dat men bijna het eigenaardig +kenmerk der nomadenvolken zou kunnen noemen, en dat u dadelijk aan +de steppen van Midden-Azië doet denken. + +Bij den eersten blik, op de stad Archangel geworpen, treft +u de overgroote menigte der torens en koepels, de eersten +zonder uitzondering verguld, de anderen met allerlei kleuren +prijkende. Daarentegen vindt de gezagvoerder, die deze kusten bezoekt, +noch kaaien, noch dokken, noch aanlegsteigers, noch trappen. Hij +ankert waar hij kan; tracht zijn schip, door middel van boomen, +eene goede plaats te bezorgen, en vindt evenveel hulp, voorlichting +of medewerking, als wanneer hij in eene of andere turksche haven, +te Widdin of te Roetsjoek, ware binnengeloopen. Gij wandelt over den +dam naar de stad, wier schitterende torens en tinnen u tegenstralen: +en gij hoort tot uwe verbazing, dat Archangel, even als Aleppo, geen +logementen of herbergen heeft, zelfs geen khan, waar de reizigers +een onderkomen kunnen vinden. + +Toch zijt gij hier nog niet in het echte Oosten. Bij het binnenloopen +in de haven, zal de loods misschien naar u toekomen, en u de hand +drukken; en zoo ge dien vriendschappelijken wenk niet begrijpt, zal hij +u wellicht in het oor fluisteren,--als gold het een staatsgeheim,--dat +indien er weinig vreemdelingen zijn, die de Dwina opvaren, daaronder +toch geen enkele gevonden wordt, die verzuimen zou, aan den man, +door wiens hulp hij aan de gevaarlijke zee der stormen is ontkomen, +een _na-chai_ (kop thee) aan te bieden. Maar, ik haast mij er +dit bij te voegen, de afschuwelijke, echt oostersche gewoonte, +den ambtenaren bij de haven fooien in de hand te stoppen, is heden +ten dage in onbruik. De tegenwoordige regeering, die reeds zoovele +hervormingen heeft tot stand gebracht, heeft ook dit kwaad uitgeroeid, +en wel door een alleszins voortreffelijken maatregel. Zij heeft het +veel te groote aantal douane-beambten aanzienlijk ingekrompen, en de +traktementen der overigen belangrijk verhoogd. Geen enkel ambtenaar +trekt nu nog een bespottelijk traktement, dat enkel voor de leus was, +en door allerlei andere middelen moest worden aangevuld; maar niemand +zal het ook wagen, een geschenk aan te nemen. Prins Obolenski, die +aan het hoofd staat van dezen uitgebreiden tak van dienst, is een man +van karakter en energie, en daarbij van onkrenkbare eerlijkheid; zijn +ijver en waakzaamheid hebben een einde gemaakt aan de schandelijke +misbruiken, waarover door zoovele reizigers is geklaagd. Als een +bewijs van de onverbiddelijke strengheid der administratie op dit +punt, wijs ik op een feit, voor de waarheid waarvan ik persoonlijk kan +instaan. Een scheepskapitein had aan een der ambtenaren bij de haven +twaalf sinaasappelen ten geschenke gegeven; de gift was op zich zelf +van niet veel waarde, maar daar deze vruchten hier zeer zeldzaam zijn, +worden zij als eene uitgezochte lekkernij beschouwd. Zoodra de chef +hiervan kennis kreeg, werd de ambtenaar een rang verlaagd. "Van daag +neemt hij een sinaasappel aan, zeide de vertoornde chef; morgen zal +hij wellicht een roebel aannemen". Eerst na verloop van een vol jaar +werd de onvoorzichtige beambte weder in zijn vorigen rang hersteld. + +Archangel is noch eene haven, noch eene stad, in den zin, dien wij +gewoonlijk aan die woorden hechten. Men ziet hier niet, zoo als te Hull +of te Hamburg, een groot aantal dokken, magazijnen, winkels, wagens +en rijtuigen; noch de bezige drukte van een levendig verkeer, gewoel +langs de rivier en in de straten. Archangel is een groot kamp van +pakhuizen, rondom eene menigte torens en koepels, kerken en kloosters +gegroept. Verbeeld u een breede sombere rivier, omzoomd door een +uitgestrekt moeras, waaruit zich kleine eilanden van leem verheffen; +op die hoogten, groepen van gebouwen, met fresko's versierd, deels +met kruisen en groene of blauwe koepels gekroond; denk u de ruimte +tusschen de kerken en kloosters, met planken, balken en palen bedekt, +maar zoo, dat er genoegzame plaats overblijft voor de tuinen, straten +en pleinen; omring de huizen met geheel openliggende tuintjes; zet +voor elk venster een geranium, eene fuchsia en een rozenstruik; laat +overal in de straten en op de pleinen het gras welig opschieten:--en +gij hebt een trouw beeld van Archangel. Uit de verte gezien, gelijkt +Archangel meer op eene of andere heilige stad van het Oosten, dan op +eene noordsche koopstad. + +Toch is deze zeehaven de eenige, die inderdaad russisch mag worden +genoemd. Astrakhan is eene tartaarsche stad; Odessa, eene italiaansche; +Riga, eene lijflandsche; Helsingfors, eene finlandsche. De taal, +die daar gesproken wordt, is niet de russische. Met het zwaard +gewonnen, kunnen zij ook weder door het zwaard verloren gaan: als alle +veroveringen, zijn zij aan de kansen des oorlogs onderworpen. Het +echte Rusland, het oude Groot-Rusland, zou ze kunnen missen, zonder +daardoor onherstelbare schade te lijden. Het is groot en sterk genoeg, +om zijne onafhankelijkheid te kunnen handhaven, rijk genoeg om te +blijven bloeien, ook al moest het dien gordel van kleinere Ruslanden +verliezen, waarmede het zich allengs omgord heeft. Maar met Archangel +is het anders: dat is de eenige groote haven, die het oude Rusland +met de zee verbindt, de eenige weg, waardoor het gemeenschap met de +wereld daar buiten oefenen kan: een weg, door God zelf aangewezen en +geopend, en dien geen menschen sluiten kunnen. + +Naar de schatting van ons, Westerlingen, moge Archangel te rijkelijk +met kerken en torens en koepels gezegend zijn, zooals de Dwina-delta te +overladen is met kruisen; voor ons moge de stad vooral van beteekenis +zijn als de stapelplaats van granen en vlas, van teer en huiden, van +hout en pek;--in het oog van den inboorling is zij iets geheel anders +en hoogers: de woning van den aartsengel, de haven der bedevaartgangers +van Solowetsk, de poorte Gods. + + + + +V. + +HET GODSDIENSTIG LEVEN IN RUSLAND. + + +Op zekeren dag wandelde ik met een vriend door Archangel, om bezoeken +af te leggen. Wij hadden reeds in enkele huizen vertoefd, toen mijne +aandacht getrokken werd door een man in uniform, met een krijgshaftig +voorkomen en welgevormde gestalte, die telkens als wij ergens +binnentraden of uitkwamen, zich in onze nabijheid bevond. Hierover +verwonderd, voegde ik mijn vriend toe: + +"Die man schijnt ons op den voet te volgen." + +"O neen," klonk het lachende antwoord: "dat is een russisch +politie-agent." + +"Maar waarom loopt hij ons dan altijd na?" + +"Hij slaat geen acht op ons; hij doet zijne ronde, en gaat den +rijken eigenaars van huizen aanzeggen, dat zij heden avond, voor alle +vensters hunner woningen, die op de straat uitzien, vier brandende +kaarsen moeten zetten." + +"Vier kaarsen! en waarom dat?" + +"Ter eere van den Tsaar. Het is van daag de feestdag van zijn patroon; +tegen acht uur zult ge zien hoe alle huizen eensklaps geïllumineerd +worden... op aansporing van de politie." + +"Maar, mij dunkt, de politie heeft niet noodig zich daarmede te +bemoeien. De keizer is populair en geliefd. Wie zou het feest van +Sint-Alexander kunnen vergeten?" + +"Zeker, de keizer is zeer bemind, en toch vergist gij u: het volk zou +er waarschijnlijk niet aan denken, den Tsaar het hof te maken. Zie +maar eens: de winkels zijn open, en alle waren uitgestald; ieder is +aan zijn werk, als op een gewonen dag. De moujik bekommert zich niet +veel om keizers of koningen; hij kent slechts zijn beschermengel, zijn +eigen heilige. Vraag hem niet, u een kleedingstuk af te leveren, uw +rijtuig te herstellen, of hout voor u te gaan halen, op den feestdag +van zijn patroon: hij zou zich liever levend laten begraven, dan +dien dag door eenigen verboden arbeid ontheiligen. De moujik is geen +hoveling, maar hij is godsdienstig." + +Weldra leerde ik door eigen ervaring de waarheid dezer getuigenis +erkennen. Het diepe bewustzijn van zijne plichten jegens den +Schepper beheerscht bij den Rus alle andere gevoelens. Dit bewustzijn +openbaart zich niet alleen door een gevoel van eerbied en kinderlijke +piëteit des harten, maar uit zich ook in menigvuldige godsdienstige +handelingen, plechtigheden en gebruiken; het openbaart zich in alle +kringen der maatschappij, in alle toestanden des levens. Gij vindt +het in de kazernen en legerkampen, zoowel als bij de feestvierende +schare op een dorpskermis en in de gehoorzalen der hoogescholen; +gij vindt het bij den prins, die zich in oostersche weelde baadt, +bij den handelaar op zijn kantoor, bij den boer, die zijn ploeg door +den zwaren kleigrond drijft; bij den dief zelfs, die zijn makker het +deel van den buit betwist. + +Het is deze innige vroomheid, die het land met heiligdommen en +kerken overdekt en tot velerlei zonderlinge praktijken aanleiding +geeft; maar zij is het ook, die, zelfs waar zij niet van het kwaad +terughoudt, toch den zondaar niet met vrede laat en zijn gemoed +opent voor boete en berouw. Elk dorp heeft zijne relieken; elk kind +bidt tot zijn bijzonderen beschermengel, en draagt immer het kruis, +hem bij den doop geschonken. De russische steden zijn overrijk +aan kerken en kloosters. Te Kargopol, een stadje van tweeduizend +zielen, telde ik niet minder dan twintig kerktorens. Moskou bezit, +naar men zegt, meer dan vierhonderd kerken en kapellen; Kiew is, in +verhouding tot de bevolking, niet minder rijk bedeeld. De herinnering +aan alle merkwaardige gebeurtenissen wordt door de stichting eener +kerk in het aandenken des volks bewaard. Te Kiew herinnert de kerk +van Sint-Andreas aan het bezoek van een apostel; die van Sinte-Maria +aan de invoering van het Christendom. Sint-Wassili te Moskou werd +gebouwd ter gedachtenis aan de verovering van Kazan; het klooster +van Donskoï dankt zijn ontstaan aan de overwinning, door Feodor op +de Tartaren van de Krim behaald; de Sint-Salvator verrees als een +dankoffer voor de nederlaag van Napoleon. Na de eerste overwinning, +door de Russen op de Zweden behaald, werd de Sint-Alexanderskerk te +Petersburg gesticht; die van Sint-Isaäk verrees ter gedachtenis van +Peter den Groote. Waar wij een zuil of beeld zouden oprichten, bouwen +de Russen een bedehuis; de gewijde basilieken zijn als het ware de +levende monumenten, de sprekende getuigen van de geschiedenis des +rijks en de lotgevallen des volks. + +Van de wieg tot het graf, leeft de Rus, om zoo te zeggen, in +voortdurenden omgang met God; de godsdienst neemt in zijn leven +eene zoo ruime plaats in, dat men zich bezwaarlijk daarvan een +denkbeeld maken kan. Even als de Arabier, is ook de Slaaf van nature +godsdienstig; voor deze volken is de godsdienst inderdaad eene macht, +die hun gansche leven en denken beheerscht. Zoo gij eene russische +hut binnentreedt, zult gij er immer eene kleine kapel of bidplaats +vinden. Alle vertrekken zijn in zekeren zin gewijd: want in elk vindt +gij een heiligen beeld; bijna zou ik zeggen: een huisgod. Het hoofd +des gezins betreedt zijne woning niet dan met zekeren eerbied: hij +staat even op den drempel stil, neemt zijne muts af, maakt het teeken +des kruises, en herhaalt bij zich zelf een vers der gewijde liturgie. + +Het kruis, bij het toedienen van den heiligen doop ontvangen, en dat +de Rus tot aan zijn dood blijft dragen, is het teeken en zinnebeeld +van zijne volharding in het geloof. De godsdienst volgt en begeleidt +hem, als kind en knaap, bij het spel en bij de studie; als man, op het +kantoor en in de werkplaats.--Op alle hoogere en lagere scholen vindt +ge eene verzameling van gebeden, op de verschillende omstandigheden +van het schoolleven toepasselijk: gebeden bij den aanvang van +het studiejaar, bij het begin der vacantie, bij de opening van een +nieuwen cursus. De fabrieken en boerderijen staan hierin met de scholen +gelijk. De gebeden verschillen natuurlijk naar gelang van den aard der +bezigheden; maar niemand, oud of jong, zal ooit verzuimen, dagelijks +zijne gebeden ten hemel te zenden; niemand zal zich, zonder ernstige +redenen, aan zijne godsdienstplichten, bij voorbeeld, aan de bepalingen +omtrent de vasten, onttrekken. Vooral deze laatste wordt streng in acht +genomen: bijkans de helft van het russische jaar is aan boetedoening +gewijd. Gedurende de zeven weken, die het Paaschfeest voorafgaan, is +het gebruik niet alleen van vleesch, maar ook van visch, melk, eieren +en boter verboden. Gedurende zes weken vóór Kerstmis, en een maand +vóór Sint-Pieter, gelijke onthouding, alleen met deze uitzondering, +dat men dan visch mag eten. In de maand Augustus, wederom een strenge +veertiendaagsche vasten, ter eere van de Heilige Maagd, wier hemelvaart +in die maand wordt herdacht. De woensdag en de vrijdag van iedere week +zijn vastendagen. Deze algemeene regelen gelden altijd en voor allen; +maar de geloovige, die, na voorafgaande biecht, communie wenscht te +doen, behoort zich daartoe nog door bijzondere strenge boete voor te +bereiden. Hij moet zich onthouden van alle met vet bereide spijzen, +van lekkernijen, van suiker, van het rooken van sigaren; zelfs mag +hij niets eten, dat door middel van vuur moet worden klaar gemaakt. + +Op den Stillen-Zaterdag, waarop ook in de russische kerk het water +gewijd wordt, mag niemand iets eten of drinken vóór den afloop der +plechtigheid, dat is omstreeks vier uur in den namiddag; dan wordt +eerst van het gewijde water gedronken, en daarna zet men zich neder, +om, in blijdschap des harten, maaltijd te houden. Om den noodigen +voorraad van wijwater op te doen, spoeden mannen en vrouwen zich om +het zeerst naar de kerken, beladen met kruiken, kannen en allerlei +vaatwerk; bovendien brengt ieder een kaars mede, die in de kerk +wordt aangestoken, en te huis voor het beeld van den heiligen patroon +geplaatst, om daar verder te verbranden. + +Geen nieuw huis wordt betrokken, geen magazijn of winkel geopend, +zonder voorafgaande godsdienstige wijding. Bijna iedere maand bezoekt +de pope, gevolgd door den acolyth en den diaken, alle huizen in zijn +kerspel, besproeit de vertrekken met wijwater, reinigt ze door gebeden +en wijdt ze door het teeken des kruises. + +Bij alle groote gebeurtenissen des levens, bij de geboorte, bij het +huwelijk, bij den dood, is de kerk, als eene zorgende en liefdevolle +moeder, met raad en troost en hulp en voorlichting nabij, zelf +deelnemende aan alle vreugden en smarten harer kinderen, en daaraan +hooger wijding gevende. Het sakrament des huwelijks vooral, dat den man +de kroon van het gezag schenkt en hem wijdt tot het hoofd van een nieuw +gezin, wordt met buitengewone plechtigheid gevierd. De vele ceremoniën, +die met de voltrekking van dit sakrament gepaard gaan, hebben allen een +diepen en verheven zin, eene schoone symboliek, en munten bovendien +door ernst, waardigheid en bevalligheid uit. De gebeden en lofzangen +klimmen op tot den troon des Almachtigen; de ringen worden gewisseld; +de zegen des hemels op het jonge paar afgesmeekt; eindelijk wordt op +de hoofden der jonggehuwden een gouden kroon gezet. + +"Iwan, dienstknecht des Heeren," zegt de pope, "ontvang als uwe kroon, +Nadia, die dienstmaagd des Heeren!" + +Sommige bruidsparen dragen deze huwelijkskroon eene geheele week lang, +en bezorgen haar daarna terug aan de sakristie, waar zij op nieuw +den zegen ontvangen. Ook aan het nederigste en meest alledaagsche +leven bereidt de godsdienst aldus een feestdag, een dag van poëzie, +van hoogeren glans en heerlijkheid. Op den bruiloftsdag is de bruid +steeds koningin, de bruidegom koning, al ware hij ook niets meer dan +een arme vergeten knecht. + +De grieksche kerk leert dat iederen mensch een bijzondere beschermengel +is gegeven, die hem van de wieg tot het graf volgt, die getuige is van +al zijne daden, en dien hij nimmer misleiden of bedriegen kan. In zijn +slaapvertrek plaatst de Rus eene beeltenis van dien engelbewaarder, +en onderhoudt dag en nacht eene brandende lamp tot zijne eer. De +feestdag van dien beschermengel is geheel aan stille rust, aan vrome +overpeinzingen en werken der liefdadigheid gewijd. Men richt een +maaltijd aan, waarop de vrienden en bloedverwanten genoodigd worden; +tevens worden aan de armen aalmoezen uitgedeeld. Men gaat ter kerke, en +koopt daar gewijde brooden, voor de bedienden, de gasten, de bezoekers +bestemd. De pope komt, met het evangelie en het kruis, en zingt de +plechtige litanie ter eere des engelbewaarders, waarvoor hij van den +heer des huizes eene gave ontvangt, verschillende naar gelang van +diens fortuin.--De beschermheilige of patroon, wiens naam men draagt, +wordt met niet minder eerbied en ijver vereerd. Ook zijn beeld wordt +nooit in de woning gemist, en zijn naamdag godsdienstig gevierd. Door +niets ter wereld zou een Rus zich laten bewegen, den naam, dien hij bij +den doop ontvangen heeft, te laten varen. Zekere boer stond terecht, +als beschuldigd, een valsch paspoort te hebben vervaardigd, ten einde +zich voor een ander te doen doorgaan. "Hoe kan men meenen", riep hij +verbaasd uit, "dat ik een naam zou hebben aangenomen, die mij niet +toekomt? Ik zou daardoor immers mijn patroon hebben verloren. Zeker +heb ik dat niet gedaan; ik heb alleen mijne geboorteplaats veranderd." + +De godsdienst bezielt en beheerscht zoozeer geheel het maatschappelijk +leven, dat, tot op zekere hoogte althans, het volle genot der +burgerrechten afhankelijk is van de getrouwe vervulling der +godsdienstplichten. Ieder Rus weet, dat hij gehouden is, eenmaal per +week de mis te hooren, zijne zonden te biechten, en minstens eenmaal in +het jaar de heilige communie te houden. En de overgroote meerderheid +denkt er niet aan, deze plichten te verzuimen, of ze in eenig opzicht +als een last te beschouwen. Die zich daaraan onttrekt, wordt ook +in burgerrechterlijken, maatschappelijken zin als dood beschouwd: +tenzij hij van den pope, zooals dat soms geschiedt, een bewijs weet te +verkrijgen, waaruit zijne getrouwe waarneming der kerkelijke plichten +blijkt. Maar nog eens: zij, die tot dergelijke middelen hunne toevlucht +nemen, vormen zeer stellig eene betrekkelijk onbeteekenende minderheid; +de overgroote massa des volks is oprecht en innig aan zijne godsdienst +gehecht, en toont dat op de meest ondubbelzinnige wijze. De zoogenoemd +voorname onverschilligheid, het praktisch atheïsme onzer moderne +westersche maatschappij vindt in Rusland nog zeer weinig aanhangers; +het zou daar door verreweg de meesten niet eenmaal worden verstaan. + + + + +VI. + +DE PELGRIMS. + + +Na het godsdienstig gevoel is er misschien geen hartstocht, die +meer macht uitoefent op het gemoed van den Rus, dan de ingeboren, +onweerstaanbare neiging voor een zwervend nomadenleven. + +Bij alle Slavische stammen vindt men dien trek naar verandering, naar +het avontuurlijke, onbekende; de zucht, om nu her- dan derwaarts te +trekken, heden hier, morgen elders zijn verblijf te vestigen, de wereld +te doorwandelen, en in zekeren zin, naar oud aartsvaderlijke wijze, in +tenten te leven. Maar bij den Rus is deze zucht veel sterker ontwikkeld +dan bij den Czech van Bohemen, bij den Serviër of den Croaat. + +Deze lust voor een zwervend leven, samenvallende met het godsdienstig +gevoel, is de machtige drijfveer, die nog jaarlijks, in geheel Rusland, +zoo vele duizenden huis en hof doet verlaten, om ter bedevaart +te trekken. + +De pelgrims gaan steeds te voet, in gezelschappen van vijftig of +zestig personen, mannen, vrouwen, kinderen, allen met den staf in de +hand, een lederen flesch aan den gordel, nederknielende voor iedere +kapel, die zij op hunnen weg ontmoeten, dag en nacht hunne lofzangen +aanheffende, en alom het landvolk stichtende door het voorbeeld hunner +vroomheid. De kinderen zingen, op half klagenden toon, een lied, +waarvan elk kouplet eindigt met dit refrein: + + + Goede vaders, teedre moeders, + Schenkt ons, armen, brood. + + +En deze bede blijft nimmer onverhoord: de arme pelgrim, die, +biddende om brood, aan de deur der woning aanklopt of voor het venster +stilstaat, zou immers wel een engel, een Godsgezant kunnen zijn? Mag +men hem dan eene gave weigeren; zal niet veelmeer deze gave rijkelijk +worden beloond? + +Er zijn echter ook lieden, die van deze vrome gezindheid des volks +misbruik maken. Landloopers en gauwdieven vermommen zich dikwerf als +pelgrims, veinzen eene buitengewone vroomheid, verkoopen twijfelachtige +relieken tegen klinkende munt aan dienstmeiden en lichtgeloovige oude +vrouwen, en verzekeren zich alzoo, zonder veel moeite, een tamelijk +gemakkelijk levensonderhoud. + +Een boer, die tot dusver zijne schapen en varkens trouw naar de weide +heeft gedreven en ze van dag tot dag, van den morgen tot den avond, +bewaakt, krijgt het eensklaps in het hoofd om pelgrim te worden, +en als zoodanig eene vrijheid te genieten, die in het gewone leven +voor hem onbereikbaar is. Het denkbeeld, dat hij nu geene belasting +meer te betalen en geen heerendiensten meer te verrichten heeft, +niet meer voor vrouw en kinderen behoeft te zorgen, maar vrij mag +wandelen van stad tot stad, van gewest tot gewest, bekoort hem; hij +wordt een bedelaar, een landlooper, misschien een bedrieger. Maar als +hij langs de huizen gaat, brengen ouden en jongen hem den vromen groet, +die zoo aangenaam in zijne ooren klinkt: "Waarheen, o vriend, geleidt +de Heer uwe schreden?" Vroeger of later ontmoet hij een gezelschap van +pelgrims, bij wie hij zich kan aansluiten, en die hem als een broeder +in hunne midden opnemen. Hij hangt een lederen flesch aan zijn gordel; +zijne vrouw, op een stok leunende, strompelt langs den weg door het +donkere woud. Men ontmoet deze lieden overal, op de binnenplaatsen +van alle groote huizen. Zij sluipen door zij- en achterdeuren binnen, +en bieden voorwerpen te koop aan, die voor de vrouw des huizes van +niet minder waarde zijn dan voor de nederige dienstmaagd: een stuk +van de rots van Nazareth, eenige droppels water uit den Jordaan, een +draad van den rok zonder naad, een stukje van het ware kruis. Zij +die op zoo groote schaal hun beroep drijven, zijn de vindingrijke, +ondernemende geesten onder hen, die de kunst verstaan om de heilige +zaken te exploiteeren; maar behalve dezen, zijn er nog duizenden +zulke leegloopers, die het halve rijk doorkruisen, en overal aan de +aandachtig luisterende schare verhalen wat zij gezien hebben op hunne +bedevaarten naar deze of gene heilige plaats, waar de beenderen der +heiligen dagelijks wonderen werken. Sommigen vertoonen een kruis van +Troïtza; anderen verkoopen aan de liefhebbers een stuk van het gewijde +brood van Sint-George. De meesten hunner hebben ook Solowetsk bezocht, +of weten daar althans allerlei merkwaardige dingen van te vertellen. + +De veroordeelden, die uit de mijnen van Siberië weten te ontsnappen, +hullen zich in het pelgrimskleed en nemen den staf ter hand. Onder +deze vermomming zal een vluchteling, zonder veel gevaar, de reis +van Perm naar Archangel kunnen doen, zelfs al waren zijne papieren +valsch en al droeg hij het brandmerk op zijn schouder. Een poolsche +balling, Pietrowski genaamd, wist voor eenige jaren op deze wijze +te ontsnappen en de haven van Archangel te bereiken, waar hij zich +inscheepte. Het dramatisch verhaal zijner lotgevallen wekte destijds +de algemeene belangstelling. Maar langs de oevers der Dwina zijn een +aantal soortgelijke verhalen in omloop. + +Toen ik tot de reis om de Noordkaap besloot, was het ook in de stellige +verwachting, dat ik die vrome reisgezelschappen zou ontmoeten; dat +ik met hen naar Solowetsk zou gaan, hen dus van nabij bestudeeren, +en tegelijk, zoo mogelijk, nadere berichten inwinnen omtrent dat +wonderlijke "spook van het klooster", dat sinds zoovele jaren, op zoo +geheimzinnige wijze, met het keizerlijk geslacht van Romanoff wordt +in verband gebracht. Groot was dan ook mijne teleurstelling, toen ik +bij mijne komst te Archangel vernam dat het laatste gezelschap van +pelgrims juist vertrokken was, en dat de stoombooten hare vaart op +de Witte-zee hadden gestaakt, totdat het ijs, in de maand Mei van +het volgende jaar, zou beginnen los te raken. + +Zeer ontevreden, dat ik aldus eene uitnemende gelegenheid had gemist om +de godsdienstige gewoonten en gebruiken des volks te bestudeeren, liep +ik met ongeduldige schreden heen en weder in het ruime Pelgrimshof, in +de zoogenaamde bovenstad;--toen ik eensklaps een aantal schapenvellen +ontdekte, niet op den grond uitgespreid, maar om de schouders geplooid +van een groep lieden, met vermagerde en gebruinde aangezichten, +karakteristieke figuren, zoo als ge die, het gansche jaar door, op de +kusten van Syrië ontmoet. Eene innige, vurige vroomheid bezielt deze +mannen, en heeft op hun gelaat, in hunne manieren en wijze van spreken, +haar onmiskenbaren stempel gedrukt. Hun geest is steeds van hooge en +ernstige gedachten vervuld: ook onder hunne armelijke lompen behouden +zij, in geheel hun voorkomen, eene waardigheid en bevalligheid, die +niet kan nalaten indruk te maken. Gindsche grijsaard, die met een +stuk gedroogden visch in de hand, naar de woning treedt, zou voor +een arabischen sheik kunnen doorgaan. Evenals ik, zijn deze pelgrims +door het ruwe weder opgehouden: hen ziende, voel ik mijne hoop weder +ontwaken. De monniken zullen toch deze dorstige, heilbegeerige zielen +niet zonder troost en lafenis willen wegzenden, en waarschijnlijk +evenmin genegen zijn om hen gedurende eenige maanden van huisvesting +en kleeding te voorzien. Er zal dus wel een middel gevonden worden, +om eene boot te doen varen. + +Aan den ingang van het zoogenaamde Pelgrimshof staat een kleine monnik, +nog geen vijf voet hoog, met lange krullende lokken, evenals een +meisje, en een fraaien golvenden baard. Het zal eenige moeite kosten, +met mijn gebrekkig russisch, om met hem een gesprek aan te knoopen: +toch waag ik het er op, en vraag hem, of hij mij zeggen kan, waar de +boot van Solowetsk ligt. + +"Zijt gij een Engelschman?" herneemt de monnik. + +Deze woorden, in mijne eigene moedertaal uitgesproken, verrassen +mij uit dien mond: nog nooit had ik in dit land een geestelijke +aangetroffen, die eene andere taal dan het russisch verstond. Op mijn +bevestigend antwoord, vervolgt mijn nieuwe vriend: "De boot vaart +niet meer: zij ligt nu in het dok te Solowetsk." + +In het dok! Die man houdt mij voor den gek: want hoe zou men een dok +kunnen verwachten bij een klooster, waar een havenstad als Solombola +zich met zulk een erbarmelijk hoofd moet tevreden stellen? + +"In het dok?" + +"Ja zeker, in het dok." + +"Hebt ge dan een dok op het Heilig-eiland?" + +"Waarom niet? De kooplieden van Archangel hebben er geen, zult gij +zeggen. Dat is zoo; maar de kooplieden zijn geen monniken. Zij drijven +handel; en wij, wij werken. Slava Bogu! (God lof!) een goede monnik +volbrengt zijne taak ordelijk en zonder tijdverspillen. Te Londen +hebt gij immers ook dokken?" + +"Ja zeker, in menigte; maar die zijn niet door monniken gebouwd." + +"Dat weet ik. In Engeland zijn er geen godsdienstige orden meer; maar +vroeger waren zij er, en toen stichtten zij gebouwen van allerlei aard, +niet waar?" + +Terwijl ik hem met verbazing aanstaar, deelt de monnik, in zijn +ruw en onbeholpen matrozen-engelsch, mij eene tijding mede, die +mij van harte verheugt. Hoewel de boot, die de pelgrims overbrengt, +reeds hare winterkwartieren in het dok te Solowetsk heeft betrokken, +en de machinerie reeds is geborgen, zal toch binnen acht dagen een +schip met levensmiddelen naar het eiland afvaren. + +"Kunt gij mij ook zeggen, waar ik den kapitein van dat vaartuig zou +kunnen vinden?" + +"Hum!" antwoordt op langzamen toon de ander, terwijl hij een kruis +slaat en in stilte een schietgebed prevelt; "ik zelf ben de schipper." + +Nu begrijp ik er niets meer van! Hoe, die man, die in Rusland een +dwerg mag heeten; die monnik in pij en kap, met zijne krullende lokken +als die eener vrouw, is de gezagvoerder van een schip, dat de zee +bevaart? Bij een nauwlettender blik op dit fijne, bijkans vrouwelijke +gelaat, treft mij echter de gloed der oogen, de donkere gebronsde tint, +de scherp geteekende mond met de fraaie tanden: eene uitdrukking van +kracht en vastberadenheid, die wel aan een zeeman voegt. + +"En zoudt gij mij aan boord kunnen nemen?" + +"U! Hoe, gij zijt een Engelschman, en gij wenscht de grafsteden der +heiligen te bezoeken? Dat is wel vreemd! Green uwer landgenooten gaat +ooit naar Solowetsk. Zij komen hier niet om te bidden, maar om handel +te drijven, somwijlen om tegen ons te vechten." + +Hij sprak deze laatste woorden met doffe stem, en met blijkbaar kwalijk +bedwongen toorn. Onwillekeurig herinnerde ik mij, hoe eene dame te +Onega mij verhaald had dat zij, met hare russische vrienden eene week +te Solowetsk willende doorbrengen, zorgvuldig hare engelsche afkomst +verborgen had gehouden, uit vrees dat de monniken haar vermoorden +zouden. Dit nu was ongetwijfeld eene ijdele verbeelding: maar toch +joeg deze herinnering mij een huivering door de aderen, toen ik zag, +hoe de kleine man zijn voorhoofd fronste, en den somber dreigenden +toon zijner stem vernam, als hij van de engelsche vloot sprak. + +Ik liet echter niets merken, en vroeg hem: "Waar is uw schip, en hoe +heet het?" + +"Het ligt te Solombola, nabij de kaai der Pelgrims. De naam is _la +Verra_ (het Geloof)." + +Deze zeer bijzondere scheepskapitein boezemt mij belangstelling in. Een +anderen monnik, blijkbaar ook een zeeman, ontmoetende, vraag ik hem +naar den naam van mijn zonderlingen vriend. + +"Hij heet Iwan," antwoordt mij deze man, een soort van noordschen +Hercules, met levendige oogen en stout gewelfd voorhoofd; "Iwan, +of liever Wanouchka, want hij is klein van gestalte, en wij houden +allen veel van hem." + +Wanouchka beteekent letterlijk de kleine Iwan (Johannes). Voor ons, +vreemdelingen, heet de gezagvoerder steeds Vader Johannes. + +Daar ik u nu toch eenmaal in kennis met hem gebracht heb, is het +misschien maar beter aanstonds te vertellen, wat ik later te weten +ben gekomen omtrent den levensloop van dezen wonderlijken kleinen +scheepskapitein met zijn monnikspij en golvende lokken. + +Vader Johannes zag het levenslicht in een laplandsch dorp, en +had, bij zijne geboorte, geen ander vooruitzicht dan houthakker of +kabeljauwvisscher te worden, het harde en treurige leven te leiden, +waartoe de bewoners dezer rampzalige streken veroordeeld zijn. In +den zomer zou hij boomen moeten vellen en het schrale gras maaien; +in den winter, op zeehonden- en kabeljauwvangst uitgaan. Maar het +kind was levendig van aard, leergierig en vlug van begrip; hij brandde +van nieuwsgierigheid om vreemde landen te zien, en droomde zich eene +heerlijke toekomst, als hij eens gezagvoerder of eigenaar zou zijn van +een schip, zooals hij er nu en dan langs de kusten zag stevenen. Maar +om dien droom tot werkelijkheid te maken, moest hij kennis opdoen, de +behandeling van een schip leeren; weten hoe hij die groote gevaarten +op zee besturen en naar zijn wil leiden kon. Het gehucht, waar Iwan +geboren was, lag op ongeveer tien kilometer afstands van Kem, eene oude +stad, door kolonisten uit Nishny-Nowgorod op de kusten van Lapland +gesticht. Kem bezit eene kweekschool voor de zeevaart, wel eene zeer +eenvoudige en weinig ontwikkelde school, maar die toch altijd beter +was dan niets. Iwan werd daarop geplaatst: en nu was zijn lot beslist. + +Zoo ge van Kem oostwaarts uwe blikken over de zee laat dwalen, ziet +ge uit de donkergrijze wateren een groep hooge en boschrijke eilanden +verrijzen, die, vooral in de vroege morgenuren, als met een waas +van tooverachtige schoonheid omgeven zijn, en met onwederstaanbare +macht u tot zich schijnen te trekken. In dit noordsche paradijs zijn +alle dalen en valleien met frisch en weelderig gras bekleed, prijken +alle hoogten met eene kerk met gekleurden koepel en verguld kruis: +dat is de eilandengroep van Solowetsk; en onze jonge kweekeling trok +er menigmalen ter bedevaart heen. De flikkerende lichten, de statig +zwellende muziek, het ernstig koorgezang, de rijke versieringen van +den tempel: dit alles maakte een diepen indruk op zijne levendige, +prikkelbare verbeelding; de herinnering aan het kalme, vreedzame +kloosterleven, met zijn rustigen arbeid en voegzamen overvloed, +week niet meer uit zijne ziel. + +Hij kwam met glans door zijne examens, en ging naar Archangel, waar hij +een weinig stichtelijk leven leidde; toen knoopte hij kennis aan met +eenige duitsche matrozen van de Oostzee, wier gezelschap hem zoogoed +beviel, dat de vurige begeerte bij hem opkwam, met hen mede te gaan en +vreemde landen te zien. Maar daartegen bestond een groot bezwaar. Er +was gebrek aan matrozen in de russische havens; keizer Nikolaas had +al zijne zeelieden naar de kusten der Zwarte-zee gezonden; en een +russisch onderdaan mocht niet, zonder uitdrukkelijke vergunning van +de politie, zijn land verlaten. Iwan wist nu zeer goed, dat hem die +vergunning zou geweigerd worden. Toen dus het duitsche schip op het +punt stond van te vertrekken, sloop hij 's nachts heimelijk aan boord, +en kwam gelukkig de haven uit, zonder ontdekt te zijn. + +Hij deed nu met dit schip, waar hij onder een anderen naam op de rol +was ingeschreven, verschillende reizen naar de duitsche en deensche +kusten, en somwijlen ook naar Engeland en Schotland, en vereenzelvigde +zich geheel met zijne makkers, in wier vroolijk en onbekommerd leven +hij deelde. Maar noch de verstrooiingen der havensteden, noch de +gesprekken van zijne luchthartige gezellen vermochten bij hem de +herinneringen uit te wisschen aan de vermaningen van zijn vader of +de lessen van zijn pope. Gelijk de Zwitser met heimwee aan zijne +bergen denkt, gelijk het hart van den fellah smacht naar den Nijl, +zoo verzuchtte Iwan in stilte naar zijne kerk, naar de vertroostingen +zijner godsdienst. Maar wat kon hij doen? De gedachte alleen aan een +terugkeer naar Kem joeg hem de schrik op het lijf: hij wist dat de +knoet, de kerker, de dwangarbeid in de mijnen hem in zijn vaderland +wachtten. + +In den nood en de benauwdheid zijns harten sprak hij enkele malen +met zijne makkers over hunne godsdienst: sommigen lachten hem uit; +anderen wierpen hem scheldwoorden of verwenschingen naar het hoofd. Op +zekeren dag echter, dat hij zich aan wal bevond, bracht een oude +zeeman hem naar een katholiek priester. Iwan ontving nu iederen +morgen, gedurende vijf of tien minuten, onderricht in den roomschen +catechismus: maar weldra kwamen allerlei twijfelingen bij hem op, +en toen hij weder moest uitvaren, had hij nog niet gevonden wat hij +zoo vurig zocht. In den levant, waar heen hij nu ging, ontmoette +hij allerlei belijdenissen en kerkgenootschappen: maar hoewel hij +met de aanhangers van die allen in aanraking kwam, kon geen enkele +zijn hart geheel bevredigen. Toch wenschte hij zoo vurig een ander +en beter mensch te worden; toch dorstte zijne ziel naar hooger leven. + +Zoo gingen jaren voorbij: een paar malen ontkwam hij te nauwernood +aan den dood in de golven, die zijn schip hadden verbrijzeld. De +ernstige ervaringen van zijn onrustig leven, de doorgestane gevaren +verlevendigden nog maar te meer zijne behoefte aan geloof en +gemeenschap met God: vermoeid van twijfelingen en vragen, zag hij +met stillen weemoed en smachtend verlangen terug naar het dierbare +geloof zijner gelukkige kinderjaren. Maar aan die kerk was hij vreemd +geworden: hoe zou hij tot haar wederkeeren? + +Terwijl hij door deze gedachten en begeerten geslingerd werd, bood +zich onverwacht eene gelegenheid voor hem aan, om naar zijn vaderland +terug te keeren. Het duitsche schip, waarop hij diende, werd naar +Archangel bevracht; en daar Iwan de eenige Rus aan boord was, kon hij +den kapitein van groote dienst zijn. Deze tijding bracht hem in groote +spanning. Hij brandde van begeerte om naar zijn vaderland terug te +keeren, op de graven zijner vereerde heiligen te knielen, aan zijne +moeder eene kleine geldsom ter hand te stellen, die hij voor haar had +opgespaard; maar er waren reeds twaalf jaren verloopen, sedert hij +eigenmachtig, zonder vergunning, Rusland verlaten had: en hij wist, +dat op dit misdrijf verbanning naar Siberië stond. De vrees overwon: +hij zeide tegen den kapitein dat hij den tocht niet mede zou maken, +maar zijn ontslag nam. + +Doch de kapitein was een man, die zijne zaken verstond, en zich niet +aldus liet afschepen. Hij was den jonkman ongeveer zevenhonderd gulden +schuldig; hij zeide nu, dat hij geen geld had en dus niet met hem kon +afrekenen; wilde Iwan medegaan naar Archangel, waar de kapitein bij +de aflevering zijner lading, eene aanzienlijke som moest ontvangen, +dan zou hij hem daar betalen. Een russisch spreekwoord zegt, dat +het geld gaarne geteld wil wezen: en als Iwan zijne leege zakken +nazag, kwam hij tot de overtuiging, dat het toch maar beter was, +naar Archangel te gaan en zijne gage te ontvangen, in de hoop dat +hij wel een of ander middel zou vinden, om zich uit zijne valsche en +gevaarlijke positie te redden. + +Daar hij zijn baard had afgeschoren en een valschen naam droeg, zou +hij Archangel ook zeker weder hebben kunnen verlaten, zonder ontdekt +te worden, indien hij zich, den avond vóór zijn vertrek, niet door +eenige duitsche matrozen had laten verlokken om naar eene herberg te +gaan. Twaalf jaren onthouding hadden hem de kracht van den _vodka_ +doen vergeten: hij dronk te veel; en toen hij den volgenden morgen +uit zijn roes ontwaakte, waren zijne kameraden vertrokken en had het +schip de haven verlaten. Wat nu te doen? Vervoegde hij zich bij den +duitschen consul, dan zou hij als deserteur beschouwd en gestraft +worden; wendde hij zich tot de russische overheid, stond hem dan niet +de knoet te wachten? In zijne verslagenheid dwaalde hij door Archangel, +berouw gevoelende over zijne terugkomst, toen hij een zijner vroegere +makkers van de kweekschool ontmoette, Jakob Kollownoff, die goede +zaken gemaakt had, en nu eigenaar was van een klein schip, waarmede +hij verre en gevaarlijke tochten ondernam. De volgende week zou hij +naar Spitsbergen onder zeil gaan om kabeljauw te vangen, die hij aan +boord inzoutte en naar de markt te Kronstadt bracht. Kollownoff kende +Iwan als een man van karakter en moed, en een uitmuntend zeeman: hij +maakte volstrekt geen bezwaar om hem bij zich aan boord te nemen. De +vangst slaagde boven verwachting, en het vaartuig bereikte gelukkig de +haven van Kronstadt; maar de volgende reis was minder voorspoedig: het +schip stootte op een klip, en de bemanning redde niet dan met moeite +het leven. Nu van alles ontbloot, stond bij Iwan het besluit vast, +om het zeeleven vaarwel te zeggen en naar Rusland terug te keeren, +wat hem daar dan ook wachten mocht. + +Hij ging met Jakob Kollownoff naar Kem, en werd, daar zijne papieren +niet in orde waren door de politie gearresteerd en in de gevangenis +geworpen, waar hij twaalf maanden doorbracht, zonder verhoord te +worden. Eindelijk werd hij naar Archangel gevoerd, om daar, zooals +men hem zeide, met tweejarigen dwangarbeid in het fort te worden +gestraft. Maar dit bleek een ijdel dreigement: want te Archangel werd +hij op nieuw ondervraagd en in vrijheid gesteld. + +Zoo was hij dan in zijn vaderland en vrij. Nu verrees weder voor zijn +geest het heerlijk visioen der Heilige-eilanden, stralende van goud, +van lichtglans en groen, een paradijs van vrede en geluk. Hij had het +woelige leven der wereld geproefd: zijn hart smachtte naar rust. Hij +wilde monnik worden te Solowetsk. + +De gelegenheid was hem gunstig: een goed matroos was voor het klooster +zeer gewenscht. Men had juist te Glasgow eene stoomboot gekocht, om +de pelgrims over te voeren; dadelijk na de aankomst der boot in de +haven te Archangel, had de archimandriet van Solowetsk de engelsche +bemanning weggezonden en zelf met zijne monniken handen aan het werk +geslagen. Maar de brave mannen konden met dit werk niet best overweg; +ook voelden zij zich op dit vreemde vaartuig volstrekt niet op hun +gemak: weldra werd de schotsche ingenieur terug geroepen. Echter legden +de monniken zich ijverig op de behandeling van schip en machine en +op de stuurmanskunst toe; zij wonnen raad en voorlichting bij hunne +landgenooten in; namen enkele gelukkige proeven, en brachten het +eindelijk zoover, dat zij vreemde hulp konden ontberen. De rollen +werden verdeeld: een priester werd tot gezagvoerder benoemd; monniken +deden dienst als matrozen, fungeerden als hofmeester en zorgden voor +de machine. Toch, hoewel de zaak nu tamelijk goed ging, was iemand +als Iwan, op dat oogenblik, voor het klooster een waar godsgeschenk: +want de reis naar Solowetsk is juist niet een pleiziertochtje; en +de vroomste pelgrim, ja, de archimandriet zelf, vindt het wel zoo +geruststellend, als hij op de Witte-zee dobbert, dat de bescherming +der heiligen hem zichtbaar verleend wordt door tusschenkomst van een +kloek en ervaren zeeman. Zoo werd de zwerveling met open armen in het +klooster ontvangen; maar vader Johannes heeft nog de oude liefde van +Iwan voor de zee niet verloochend. + + + +Eene dame, die met de landstreek bekend is, heeft de vriendelijkheid +gehad mij te voorzien van al datgene, waaraan een kloostercel, +vooral te Solowetsk, in den regel behoefte heeft: heerlijke thee, +een ossentong, versche boter, kaas, biefstuk, tarwebrood, kussens en +dekens. Met dezen schat bij mij, toog ik naar de kaai der pelgrims en +naar het hoogst eenvoudige havenhoofd, het eenige dat Archangel bezit, +waar de reizigers over een plank van en naar boord moeten gaan. + +Het sierlijke vaartuig ligt op ons te wachten; de bazaanmast prijkt +met een gouden kruis; aan den grooten mast wappert een kerkelijke +banier. Op den voorsteven prijkt zijn naam, _Verra_, in zeer groote +gouden letters. Vader Johannes staat op het dek, en geeft met +zachte stem zijne bevelen aan de officieren en matrozen, die voor +het meerendeel monniken zijn; de luitenant, de hofmeester, de kok, +de machinist, allen dragen de monnikspij. + +Op de kaai der pelgrims, die door poorten van de straat gescheiden +en zeer onregelmatig met houtspaanders geplaveid is, verheft zich +een geheel nieuwe groep van kloostergebouwen: kapellen, cellen, +magazijnen, kantoren, winkels, slaapzalen: in één woord, een nieuw +tweede pelgrimshof. Sedert de stoombooten niet meer tot het oude +pelgrimshof, in de bovenstad, kunnen doorvaren, hebben de vrome vaders, +zich schikkende naar de eischen van den tijd, nabij den oever der +rivier nieuwe gebouwen ten dienste der bedevaartgangers opgericht. + +Eene dichte schaar van mannen en vrouwen, pelgrims, landloopers, +soldaten, houdt de toegangen naar den aanlegsteiger bezet; de grond is +rondom bedekt met manden en korven, samovars, kooktoestellen, bedden +en dekens, gedroogde visschen, laarzen, oude mantels en pelsjassen, +doozen met zout, roggebrood, enz. Te midden der groepen bewegen zich, +met rustigen tred en een weemoedige uitdrukking op hun zachtzinnig +gelaat, vijf of zes monniken; zij helpen hier een kind aan boord +stijgen, bezorgen ginds een armen schooier vrijen overtocht, koopen +een brood voor een armen kreupele: in één woord, zij zijn overal +bezig, om waar zij kunnen de ongelukkigen en behoeftigen onder de +schare te helpen. Hoewel het jaargetijde reeds vrij ver gevorderd is, +staan toch nog ongeveer tweehonderd pelgrims op de kaai gereed, in de +hoop van naar de heilige eilanden te kunnen oversteken. De meesten +hebben geld genoeg om hun overtocht te kunnen betalen; sommigen +zelfs zijn rijk. Van deze laatsten zijn er eenigen die te Archangel +wonen, maar die, in Juni te zeer door hunne zaken bezig gehouden, +het stille seizoen afwachten om den pelgrimstocht te volbrengen. Ieder +passagier is voorzien van eene mand met brood en visch, een theedoos, +een warmen deken, en een paar groote vilten slopkousen, die men 's +nachts over zijne laarzen aantrekt. Deze bedevaartgangers houden den +traditioneelen staf in de hand; maar in de plaats van een lederen +gordel en drinkflesch, hebben zij een samovar (bouilloir) en een beker. + +De prijs der plaatsen is zeer laag: in de eerste klasse zes roebels +(ongeveer negen gulden); in de tweede vier roebels; in de derde drie +roebels. Hieronder is niet alleen de heen- en terugreis begrepen, +maar ook het logies in de herberg van het klooster en het eten aan de +algemeene tafel, gedurende ongeveer een week. Een vijftiental pelgrims +hebben geen cent op zak: zullen zij op de kaai achterblijven? Neen: +Vader Johannes heeft tot vasten stelregel, aan niemand den overtocht +te weigeren. + +De bel wordt geluid, de plank ingehaald; wij zijn op weg. Op het +oogenblik dat wij afvaren, neigen zich honderd hoofden, maken honderd +handen het teeken des kruises: iedere pelgrim beveelt zich biddend +aan Gods bescherming. Zoo dikwerf wij langs eene kerk varen, maken +allen weder het teeken des kruises, ontblooten het hoofd, en prevelen +een gebed. Sommigen knielen op het dek; anderen kussen het tuig. De +mannen vooral leggen een grooten ijver, eene vurige vroomheid aan +den dag; de vrouwen zijn over het algemeen kalmer. De bemanning der +visschersbooten groet ons eerbiedig in het voorbijvaren; somwijlen +knielen zij, altijd maken zij het teeken des kruises en nemen de muts +af. Meer dan één visscher vraagt om voor hem te bidden. + +De verdeeling der passagiers aan boord is zeer eenvoudig. Een +enkele heeft eene plaats genomen voor de eerste klasse: hij heeft +dus de geheele kajuit tot zijne beschikking. Een scheepskapitein +en zijne vrouw maken te samen het personeel uit der tweede klasse: +dit waardig echtpaar heeft lange jaren op zee gezworven en goede +zaken gemaakt; zij gaan nu te Kem van hunne renten leven. Al de +andere bedevaartgangers, rijken en armen, kreupelen en blinden, +kooplieden en bedelaars, kwakzalvers en heiligen, zijn op het dek en +in de voorkajuit vergaderd. Eene zonderlinge karakteristieke groep, +waaronder een schilder kostelijke typen zou kunnen vinden voor een +Sint-Dominicus of een Johannes den Dooper. Hun kostuum en hunne taal +bewijzen dat zij uit alle deelen van het groote rijk afkomstig zijn: +uit Ukraine en Georgië, van het Oural-gebergte en de Krim, van de +golf van Finland en de kusten der Gele-zee. Er zijn er onder hen, +die om Archangel te bereiken, meer dan een jaar lang hebben gereisd, +dwars door de kille sneeuwvelden van den winter, door de brandende +zandvlakten van den zomer. + +Sommigen van deze pelgrims, zelfs onder de meest haveloozen, brengen +voor het klooster eene gave mede, die niet verwerpelijk is. Allen +storten hunne offerande in de bus, ieder naar de mate van zijn +vermogen. Zeervelen brengen bovendien geschenken mede van vrienden of +buren, die zelf verhinderd waren om de dikwijls lange en gevaarlijke +reize te ondernemen. + +Wij zijn tot den mond der rivier genaderd; de scherpe noord-westenwind +dringt verstijvend door merg en been. In een dikken en zwaren mantel +gewikkeld, staat Vader Johannes op het dek, met kalme zekerheid +den gang van zijn schip besturende. Zijne monniken tarten den al +feller en feller woedenden wind, door een aanheffen van een psalm, +waarmede pelgrims en soldaten aanstonds instemmen. De passagier van +de eerste klasse waagt zich een oogenblik op het dek, trots ijzel +en killen regen: want dit gezang, te midden van het gehuil van den +wind en het loeien der golven, is voor hem iets vreemds, dat hij +nog nooit op zee heeft gehoord. Velen van deze zangers zijn in het +vooronder, ingesloten tusschen zakken met rogge en vaten met vet; +enkelen lijden vreeselijk aan de zeeziekte: toch mengen verreweg de +meesten, met ten hemel geheven blikken en van aandoening trillende +stem, zich in het statige koraal, dat met volle, indrukwekkende tonen +voortrolt over de duistere, kokende zee. Zij zingen het avondlied: +nu de zon ter kimme daalt, verheffen zij, naar vrome gewoonte, hunne +harten tot hunnen Schepper en brengen hem hunne eerbiedige hulde. + +De volgende morgen brak aan in duisternis. Iemand verkondigt op het +dek, dat de zon is opgegaan: maar niemand kan haar zien, want een +dikke nevel omgeeft aan alle zijden de boot; wij vernemen niets dan +het klagend huilen van den wind en het kletteren van den regen. De +_Verra_ moet tegen den middag in de baai van Solowetsk zijn; maar +reeds vroeg in den morgen deelt Vader Johannes mij in vertrouwen mede, +dat hij blijde zal zijn, als wij voor vijf uur in de haven komen. + +En ook dit uur is reeds lang voorbij, en nog zijn wij niet aan de +Heilige-eilanden. + +Met het zoeken naar eene geschikte ankerplaats langs de kust, verloopen +nog twee uren; en ik zie met genoegen dat Vader Johannes hoegenaamd +geen bedenking heeft tegen het gebruik van het dieplood. Eindelijk +is de geschikte plek gevonden: het anker wordt uitgeworpen; en nu, +door de heftige branding op en neder gewiegeld, maar veilig voor +de stormvlagen, liggen wij, in acht vademen diepte, op een kwart +kilometer van de kust. + +Het was een ruwe akelige nacht. De stormwind gierde en bulderde met +toomeloos geweld; het schip slingerde en danste op de golven. Gelukkig +dat de bedachtzame pelgrims, nog voor wij in volle zee staken, hun +maal hadden gebruikt. + +Op korten afstand van ons wordt een hollandsche klipper op het strand +geworpen: de lading is verloren, maar de bemanning wordt gelukkig +gered. Twee russische sloepen worden voor onze oogen verbrijzeld; +een daarvan gaat met allen die er in zijn te gronde. + +Tegen den morgen gaat de wind eindelijk liggen; in het noordoosten +kleurt zich de hemel, en in den zachten glans van den rozekleurigen +dageraad doemen in de verte de groene koepels en de vergulde kruisen +van het eiland Solowetsk voor onze blikken op. Dit gezicht vervult +aller hart met blijdschap; de pelgrims, die een tocht van drie- +of vierhonderd kilometer hebben afgelegd om deze heilige tinnen te +aanschouwen, kunnen ze nauw met inniger verrukking groeten dan de +vreemdeling, wien louter nieuwsgierigheid hier henendreef. + +Terwijl allen, met vurigen ijver, hunne gebeden opzeggen, varen wij +langs eene schilderachtige kust, beurtelings met rotspartijen en groene +dalen geschakeerd, tot wij een kanaal inloopen, waar zeehonden dartelen +en duiven vliegen. Eindelijk, op een schoonen, kalmen Augustusmorgen, +te acht uur, werpt de _Verra_ het anker uit in eene stille baai, +onder de muren van het klooster. + + + +VII. + +DE HEILIGE-EILANDEN. + + +Solowetsk, het voornaamste van eene groep eilanden, op eenigen afstand +van de kust van Karelië gelegen, is slechts eene kleine bloeiende +plek gronds, tusschen de drie en vier mijlen lang, en twee tot drie +mijlen breed. De hevige golfslag in deze bijna altijd door stormen +bewogen zee heeft de uit veen en steenachtige lagen gevormde kust +sterk aangetast, en eene menigte kreeken en inhammen gevormd; in het +midden van het eiland is het water van weêrszijde zoover landwaarts +ingedrongen, dat niet meer dan eene smalle strook overblijft, waarop +het klooster is gebouwd. + +Het Heilige-eiland ligt juist onder den zes-en-zestigsten graad +noorderbreedte, iets noordelijker dan Watna Jökull. De vele, +in het rond verspreidde, kleinere eilanden der groep leveren een +schilderachtigen aanblik op; de schuimende golven der wilde zee, +met bulderend gerucht op de rotsen brekende; de met donkergroene +mossen begroeide stranden, waarboven zich de ernstig sombere pijn- en +berkenbosschen verheffen; de grillig gevormde, ver in zee uitstekende +kapen; de bochtige inhammen, waar het onstuimige water tot rust komt; +de gele duinen en tamelijk hooge, met bosschen bedekte heuvelen:--dit +alles te zamen vormt een landschap van onbetwistbare romantische +schoonheid. Op elken heuvel troont eene witte kerk, die haar groenen, +met een verguld kruis versierden koepel boven het geboomte verheft. Het +land, de lucht en de zee, alles is in harmonie, boeit en bekoort u; +het geheele tafereel laat een onuitwischbaren indruk achter, dubbel +aangrijpend voor ons, na den doorworstelden bangen stormnacht. + +Terwijl wij, na aan land gestapt te zijn, langs de kaai voortwandelen, +merken wij met genoegen overal de teekenen van leven en welvaart +en beweging op. Lappen, Russen, Samojeden, lieden van allerlei +nationaliteit en afkomst, loopen op de kaaien heen en weder: Solowetsk +is niet alleen een gewijd oord, een soort van toovereiland, maar +ook een brandpunt van beschaving. De aanlegplaats is ruim, de haven +gemakkelijk en doelmatig ingericht. Aan onze rechterhand zien wij het +dok, waarvan Vader Johannes met zoo billijken trots heeft gesproken. De +_Hoop_, die eigenlijk voor het vervoer der pelgrims is bestemd, en +daar ook veel beter voor geschikt is dan de _Verra_, waarmede wij +den overtocht gedaan hebben, ligt daar onttakeld.--Ter linkerhand +verrijst het logement voor de vreemde gasten: een smaakvol, bevallig, +sierlijk gebouw, dat gerust de vergelijking zou kunnen doorstaan met +de fraaiste hotels aan de italiaansche meren. Verderop zien wij nog +een paar kranen, en een paardenspoor, dat van de haven naar een groot +magazijn van koopwaren loopt. + +Langs de kaai strekt zich een lange muur uit, met poorten en torens +voorzien. Achter dien muur verrijzen de gebouwen van het klooster, met +het paleis, en de vele koepels en vergulde kruisen. Een breede trap, +waarvan de onderste treden door de golven overspoeld worden, voert +naar de Heilige-poort; vlak daarbij staan twee votief-kapelletjes, +die de plaatsen aanwijzen, waar Peter de Groote en Alexander II, +bij hun bezoek te Solowetsk, aan wal stapten. + +Al de gebouwen dragen een onbedriegelijken stempel van hechtheid +en sterkte; sommigen zijn betrekkelijk vrij oud. De geduchte muren +en de zware torens zijn, in de laatste helft der zestiende eeuw, +van reusachtige, uit zee opgevischte steenblokken gebouwd. Het +paleis, de kerk en de klokketoren, binnen deze omwalling gelegen, +zijn de oudste gewrochten van menschelijke kunst op dit afgelegen +eiland. De kerk der Transfiguratie is veel ouder dan de buitenmuur; +die der Hemelvaart dagteekent uit den tijd toen Sint-Filippus prior +van Solowetsk was. Maar behalve door deze aantrekkelijkheid van den +ouderdom, boeit het Heilige-eiland u ook door den zin voor kunst, +het gevoel voor kleur en harmonie, dat overal uit de monumenten +spreekt. De votief-kapellen, hier en daar in het donkere lommer der +bosschen verscholen, doen eene wonderschoone uitwerking; de roode +kruisen, in menigte langs den oever geplant, geven aan het geheele +landschap een eigenaardig ernstig karakter. Eenige ruwe, maar toch niet +geheel onverdienstelijke fresko's versieren den voorgevel der oude +kathedraal. Het gewelf der Heilige-poort is evenzoo met schilderwerk +getooid; de torenspitsen en koepels der kerken zijn een lust voor het +oog, en schitteren u reeds van verre tegen met haar levendig groene +verwen en rijke verguldsels. + +Hoog boven alle andere gebouwen welft zich een hemelsblauwe, met +gouden sterren bezaaide koepel, die in de eerste plaats de blikken der +pelgrims tot zich trekt. Met dankbare verrukking staren zij hem aan: +want die koepel kroont eene nieuwe kerk, gesticht ter herinnering +aan het gedenkwaardige jaar 1854, toen de engelsche vloot door de +genadige tusschenkomst der moeder Gods werd overwonnen. + +Van binnen ziet het klooster er veel indrukwekkender en veel prachtiger +uit dan van buiten. De muren, de torens, de kerken, het logement +voor de vreemdelingen, de gevangenis: alle gebouwen in één woord, +zijn van gehouwen en gebakken steenen opgetrokken. Geen portaal, geen +galerij, geen gang, die niet met schilderwerk is versierd. Het is +waar: deze schilderijen staan, als kunstwerken, op geen hoogen trap; +maar ondanks de onbeholpenheid en ruwheid der uitvoering, maken toch +deze tafreelen, aan de schrift ontleend, een stichtelijker indruk dan +eenvoudige witkalk. Het schilderwerk in de kerk, op de zuilen en de +beschotten, die het koor van het schip afscheiden, draagt blijken van +hooger ontwikkelde kunstvaardigheid: hoewel ook dit zeker geen genade +zou vinden in de oogen van hen, die alleen voor de meesterstukken +der italiaansche school hunne bewondering over hebben. De teekening +is zeer dikwijls zwak, de kleuren zijn schel en zonder harmonie, de +gouden versiersels zijn in veel te kwistigen overvloed aangebracht; +toch laat dit mozaïek van goud en kleuren u niet koel, vooral niet +wanneer de lampen zijn aangestoken, het statig psalmgezang door de +gewelven weergalmt, de blauwe wierookwolken opwaarts kronkelen, en de +monniken met hunne lange tabbaarden en zwarte kappen, in eerbiedige +houding, voor de koninklijke poort geschaard staan. + +Tegen den muur van het klooster, dicht bij de Heilige-poort, +staat een net wit gebouwtje, dat den naam draagt der kerk van het +wonder. Een pelgrim, zoo luidt de overlevering, die op deze plek een +stuk tarwebrood at, hem door een weldadigen pope geschonken, liet +eenige kruimels daarvan op den grond vallen. Aanstonds schoot een +hond, van zonderlinge gestalte, toe, om deze kruimels op te happen; +maar het brood begon zich in den muil van het dier te bewegen, zoodat +hij het niet door kon slikken. Die hond nu was niemand anders dan de +duivel in eigen persoon. Verschillende menschen waren getuigen van +deze overwinning, door het gewijde brood op den vorst der duisternis +behaald; en de monniken van Solowetsk stichtten, tot een aandenken, +een kapel op de plek waar dit wonder was geschied. + +De dagen van ons verblijf waren grootendeels gewijd aan verschillende +uitstapjes, te voet, te paard of met eene boot, naar de omliggende +eilanden. Overal dezelfde schoone, indrukwekkende landschappen, rijk +aan afwisseling en toch zoo geheel hetzelfde karakter dragende. Met +stille verrukking dwalen wij door de dennen- en berkenbosschen, +waar de fiere stammen als zuilen ten hemel rijzen, en in het dichte +kreupelhout kleurige bessen en bleeke noordsche bloemen den wandelaar +aanstaren. Van tijd tot tijd opent zich het ernstige woud, en volgt +uw blik de sierlijke golving van eene vredige, groene vallei, in wier +diepte een helder meertje sluimert. Verkwikkende geuren vervullen de +lucht; een diepe, weldadige, heilige stilte ligt over het geheele +landschap uitgebreid. Bij iedere kromming van den weg verrijst een +smaakvol gebeeldhouwd, rood geschilderd kruis; aan het einde van ieder +woudpad schuilt in het lommer eene met levendige kleuren beschilderde +kapel, de stille woning van een of anderen kluizenaar. De grootste +bekoorlijkheid dankt dit verrukkelijk schoonen landschap echter +aan zijne schilderachtige meren, in de diepe schaduwen der pijn- en +berkenbosschen verscholen, wier aantal op de verschillende eilanden +meer dan honderd bedraagt. Tooverachtig schoon is de aanblik dier +kalme, heldere waterkommen, van alle kanten door hoog, donker, ernstig +geboomte omgeven, somwijlen met eilandjes bezaaid, vredig kabbelende +in de ongestoorde eenzaamheid des wouds. Het beroemdste van al deze +meren is het zoogenaamde Heilige-meer achter den muur van het klooster, +waarin de pelgrims zich dadelijk na hunne aankomst gaan baden. + + + +Geen vrouwelijk wezen mag in den gewijden archipel verblijf +houden. Op Solowetsk zelf worden de vrouwen niet dan voor zeer +korten tijd, om haar gebed te doen, toegelaten, en mogen zij, zonder +bepaalde vergunning, niet overnachten. Dit verbod is afkomstig van +Sint-Savatius, den eersten kluizenaar, die zich op deze eilanden +vestigde. + +Op zekeren dag, toen hij nabij een meer zijn gebed deed, hoorde hij +plotseling een kreet, als van eene vrouw die in nood verkeert. In zijne +cel teruggekeerd, verhaalde hij dit vreemde geval aan den monnik, die +hem in deze eenzaamheid gevolgd was. Zijn metgezel beduidde hem, dat +hij zich vergist moest hebben: in deze wildernis was toch geene enkele +vrouw te vinden, en de kust van Karelië was verre weg. De heilige man +ging op nieuw naar buiten om te bidden; maar wederom werd hij gestoord +door luid roepen, jammeren en snikken. Den oever van het meer volgende, +ten einde te ontdekken vanwaar dat geluid kwam, vond hij eene jonge +vrouw op den grond liggen, wier lichaam de sporen droeg van slagen en +mishandeling. Het was de vrouw van een visscher. Op de vragen van den +kluizenaar, verhaalde zij dat haar, kort na het vertrek van haar man, +twee jongelingen waren verschenen, met stralend gelaat en in witte +kleeding; deze jongelingen hadden haar gelast, het eiland te verlaten, +er bijvoegende dat geene vrouw hier mocht overnachten, aangezien deze +grond aan God was gewijd. Op hare weigering, hadden de jongelingen haar +ter aarde geworpen en met roeden geslagen. Toen zij weder loopen kon, +vertrok de arme vrouw in hare boot, en Sint-Savatius zag haar niet +terug. Wel kwam haar man, als naar gewoonte, naar, Solowetsk om te +visschen; maar hij verscheen steeds alleen. Aldus werd de vrouw door +de engelen van het heilige eiland verdreven. + +Sint-Savatius was monnik in het klooster van Belozersk te +Nowgorod. Onvoldaan met den leefregel in zijn klooster, naar +strenger tucht en meer volledige afzondering verlangende, wist +hij een zijner medebroeders, Valaam geheeten, te overreden, hem +te volgen naar de onherbergzame wildernissen langs de oevers der +IJszee. De krijgshaftige bojaren ondernamen juist in dien tijd +telkens nieuwe veroveringstochten naar het noorden: wat zij deden +om glorie en voordeel, wat de kooplieden deden uit winzucht, zouden +godvreezende mannen dat niet kunnen doen ter liefde van Christus? Na +den nacht, voor het altaar geknield, in gebeden te hebben doorwaakt, +togen dezen edelen en kooplieden naar hun aartsbisschop, en spraken +tot hem: "Vergun ons, o vladika! heen te gaan, ruiter en ros, om +nieuwe landstreken voor Sinte-Sophia te veroveren; en geef ons uwen +zegen!"--En de aartsbisschop gaf zijn zegen: en zij trokken heen vol +nobele geestdrift, om te Kem, te Soumo, te Sorozka en op vele andere +punten, nieuwe koloniën te stichten, die de macht en de welvaart +van het heerlijke Nowgorod hielpen vermeerderen. De groote daden der +bojaren wekten bij Savatius de vurige begeerte op, hun voorbeeld te +volgen, en op zijne beurt het zaad des levens te gaan strooien in de +huilende wildernis, waarheen zij den weg hadden gebaand. + +Savatius en Valaam namen den staf op en trokken door onbetreden +wouden en naakte zandwoestijnen, altijd naar het noorden, tot zij, +ten jare 1429, aan de oevers van de Wyg kwamen, waar zij een monnik +vonden, Germanus genaamd, die mede uit het zuiden was gekomen. Alle +drie richtten zich nu naar het oosten, en bereikten den oever der +Witte-zee, vanwaar zij een eenzame eilandengroep uit de onstuimige +wateren zagen opdoemen; zij bouwden nu eene lichte boot, om den zeearm +over te steken, die hen van deze groep scheidde. Savatius en Germanus +landden aan het grootste eiland, en hielden stil aan den zoom van +een klein meer, aan den voet van een met dennen en berken beplanten +heuvel. Van den top diens heuvels konden zij de gansche eilandengroep, +en den breeden zeeboezem, van kaap Orloff tot de hooge kusten van +Kem, overzien. + +Savatius had eene beeltenis van de heilige-maagd medegebracht, die hij +in eene eenvoudige, van planken getimmerde kapel ophing. Daarnevens +bouwde hij voor zich en zijn metgezel een rieten hut, waarin zij +te zamen een heilig en vreedzaam leven leidden, aan gebed en vrome +overdenking gewijd. Na verloop van zes jaren, keerde Germanus naar de +oevers van de Wyg terug. Savatius, alleen op zijn eiland te midden van +den oceaan achtergebleven, kon de gedachte niet verdragen dat geen +priester aan zijn sterfbed zou staan om hem de biecht af te nemen +en na zijn dood in gewijde aarde te begraven. Hij zette zich dus +in zijne boot, en kwam naar Sorozka, waar vader Nathanaël de prior, +die zich bij toeval juist aldaar bevond, hem ontving en de laatste +sakramenten toediende. De vrome kluizenaar had zijne taak hier op +aarde voleind: hij legde zich neder om te sterven. + +Het lijk werd in de zandige velden van Sorozka ter aarde besteld, +en op zijn graf verrees eene eenvoudige kapel van dennenstammen, aan +de heilige-drie-eenheid toegewijd. Sint-Savatius zou waarschijnlijk +voor altijd daar eene vergeten rustplaats hebben gevonden, indien +niet een ander man, van doorzettend en ondernemend karakter, zijne +schreden naar deze plek had gericht. + +Een moedig burger van Nowgorod, Gabriël genaamd, had zich met Barbara +zijne vrouw, in het pas gestichte dorp Tolvoi, nabij het meer Onega, +gevestigd. Deze lieden hadden een zoon, Zosimus geheeten, die, van +zijne kindsheid Gode gewijd, reeds als knaap de klooster-gelofte had +afgelegd. Toen Zosimus den jongelingsleeftijd bereikt had, verdeelde +hij zijne goederen onder zijne nabestaanden, nam den pelgrimsstaf ter +hand, en richtte zijne schreden naar het noorden. Te Suma ontmoette hij +Germanus, die hem verhaalde, hoe hij zes jaren lang, met Savatius, op +zijne rots midden in de zee, als kluizenaar had geleefd. Zosimus, door +dit verhaal levendig getroffen, bad Germanus hem de plek te wijzen, +waar hij en Savatius zoo vele jaren in stille afzondering hadden +doorgebracht. Germanus gaf toe: een gunstigen wind voerde de beide +reizigers, in hunne ranke boot, naar het eiland, waar zij in eene +kleine baai aan wal stapten. De oever was met hoog geboomte bezet, +en weldra ontdekten de beide pelgrims, in de nabijheid der kust, +een helder meer van zoet water, rijk aan visschen van allerlei soort. + +Terwijl Zosimus op het strand geknield lag, had hij een verrukking +van zinnen. Aan den oever van dat bevallige, schilderachtige meer +zag hij, als in geestvervoering, eene indrukwekkende reeks statige +kloostergebouwen met torens en koepels gekroond. Toen het gezicht +verdwenen was, sprak hij met zijn vriend Germanus over dit verrukkelijk +visioen: hij beschreef hem, tot in de kleinste bijzonderheden, +het voorkomen en de verdeeling der gebouwen, met hunne muren en +poorten, hunne torens en tinnen en koepels: in één woord, het gansche +klooster, in al zijne heerlijkheid. De vrome reizigers twijfelden geen +oogenblik aan de beteekenis van dit gezicht: zij velden aanstonds +een boom, en hieuwen daarvan een groot kruis, dat zij in den grond +plantten. Aldus werd het groene eiland--eene oasis te midden van de +IJszee--plechtiglijk gode gewijd. Dit geschiedde in 1436, een jaar +na den dood van Savatius. + +De twee kluizenaars bouwden zich nu hutten, in de nabijheid van het +door hen geplante kruis. De plaats, waar deze hutten gestaan hebben, +wordt thans nog door twee kapellen aangewezen. + +Weldra ging het gerucht van deze vrome jongelingen uit door het +omliggende land, en verspreidde zich van klooster tot klooster; +al spoedig kwamen eene menigte monniken zich bij hen voegen, +vol ijver om de kluizenaars te helpen in de heilige taak, die zij +hadden aanvaard. Het duurde niet lang, of nevens het nederige kruis +van dennenhout verhief zich eene eenvoudige kerk, en daar geen der +pelgrims de priesterwijding ontvangen had, zonden zij een hunner +naar den aartsbisschop van Nowgorod, om zijn zegen op hun werk +te vragen, en hem tevens te verzoeken hun een priester te zenden, +die de kerk kon wijden en de mis bedienen. De aartsbisschop gaf aan +hun wenschen gehoor, en zond Pavel, zijn dienaar, naar Solowetsk; +deze wijdde de kerk en bediende de heilige mysteriën der godsdienst; +maar het ruwe klimaat dwong hem weldra, het opkomend klooster weder +te verlaten. Hij werd opgevolgd door Theodosius, die weinige jaren te +Solowetsk vertoefde, maar toen door ziekte genoopt werd den herdersstaf +neder te leggen. Ditzelfde was ook het geval met Yon, den derden prior. + +Na het vertrek van dezen laatste, hielden de monniken te zamen raad. Er +waren nu ongeveer twaalf jaren verloopen, sedert Pavel de kerk had +gewijd: en reeds hadden drie priors elkander in het bestuur over +het klooster opgevolgd. De ondervinding had nu geleerd, dat mannen, +die het grootste gedeelte huns levens in zuidelijker streken hadden +doorgebracht, op den duur niet bestand waren tegen het ruwe klimaat van +de Witte-zee. Zij besloten mitsdien den aartsbisschop te verzoeken, +een uit hun midden tot prior te benoemen; en met algemeene stemmen +kozen zij Zosimus, die altijd de ziel, en leider en het wezenlijke +hoofd der kolonie was geweest, tot hun tijdelijk opperhoofd. Zosimus +liet zich, op aandringen der broederen, de keuze welgevallen; +hij nam den pelgrimsstaf ter hand en deed, te voet, de lange reis +naar Nowgorod: een tocht van minstens driehonderd-vijftig mijlen, +door eene landstreek, die toen, voor verreweg het grootste gedeelte, +eene ongebaande wildernis was. Hij bereikte zonder ongeval de groote +stad, en werd door den vladika tot priester gewijd; bovendien wist hij +van de bojaren eene schenking van den archipel van Solowetsk aan het +klooster te bekomen. Toen hij in het klooster terugkeerde, was hij met +de dubbele waardigheid van pope en prior bekleed. Vergunning bekomen +hebbende om de stoffelijke overblijfselen van Savatius, van Sorozka +naar Solowetsk over te brengen, liet hij het lijk van den kluizenaar +opgraven; het lichaam, dat nog geheel ongeschonden was, werd nu met +groote staatsie naar het eiland vervoerd, en in de krypt der jonge kerk +bijgezet. Zosimus regeerde als prior gedurende zes-en-twintig jaren, +en stierf, door de broederen betreurd, in den reuk van heiligheid. + +Dit meldt de overlevering aangaande de stichting van het klooster +te Solowetsk. + + + +Reeds voor mijn vertrek naar Archangel had ik van den bisschop een +aanbevelingsbrief aan Feofan, den archimandriet (abt) van Solowetsk +verzocht en verkregen, en dien vooruitgezonden. Nauwelijks was ik aan +wal gestapt; of vader Hilarion, een monnik, die in het klooster zoo +ongeveer de functiën van minister voor de wereldlijke aangelegenheden +vervult, kwam mij, uit naam van den archimandriet, tot een bezoek +uitnoodigen. Ik trok haastig andere kleederen aan, en begaf mij daarop, +met hem en vader Johannes, naar de Heilige-poort. In het voorbijgaan +werpen wij een blik op de modellen van het jacht en het fregat van +Peter den Groote, die hier bewaard worden: wij beschouwen vluchtig +eenige oude fresko's, bestijgen een trap, en staan weldra voor de +deur der woning van den archimandriet Feofan. + +De archimandriet van Solowetsk is een aanzienlijk personage, die +geen gezag in de kerk boven zich erkent, dan alleen dat der Heilige +synode. Hij bewoont een paleis; hij geniet een jaarlijksch inkomen +van vierduizend roebels; bovendien voorziet het klooster in de kosten +zijner huishouding, zijner tafel, zijner kleeding, en zorgt voor +het onderhoud zijner booten. Behalve zijn geestelijken titel voert +hij nog dien van prins: hij bekleedt dus eene zeer hooge positie, +en regeert, met bijna onbeperkt gezag, niet alleen over de lichamen, +maar ook over de zielen zijner onderhoorigen. + +Een klein mager man, met een ernstig sprekend gelaat, lange gekrulde +haren en een zwaren baard, treedt ons tot aan de deur te gemoet. Zijn +hoofd is gedekt met de gewone zwarte muts; op zijn eenvoudigen +monnikstabbaard schittert een prachtig saffieren kruis. Dat is de +archimandriet. Na vader Johannes zijn zegen geschonken en mij de +hand gedrukt te hebben, geleidt hij ons naar eene kamer, met fraaie +platen langs de wanden en zachte tapijten op den vloer; hij verzoekt +mij plaats te nemen op een sofa nevens hem, terwijl de beide monniken +zich op eenigen afstand houden. + +De ontvangst is zoo vriendelijk mogelijk; de woning, het rijtuig, het +jacht van den archimandriet worden, met de grootste wellevendheid, +te mijner beschikking gesteld; geene moeite wordt gespaard om mij +het verblijf in het klooster zoo aangenaam mogelijk te maken. Mijn +vriendelijke, uiterst voorkomende gastheer zorgt zooveel mogelijk +voor afwisseling, en laat zich zelfs iederen avond een getrouw verslag +geven van de wijze waarop ik den dag heb doorgebracht. + +Driehonderd monniken houden hun verblijf op het heilige-eiland. Aan +hun hoofd staat natuurlijk de archimandriet; op hem volgen veertig +monniken, die de priesterwijding hebben ontvangen en popen zijn; +vervolgens zeventig of tachtig monniken, die de kloostergelofte hebben +afgelegd; eindelijk de acolythen, de zangers, de dienende broeders, +de novisen. De scholieren, de gasten de gehuurde bedienden, geen +geestelijken, vormen eene klasse op zich zelf. + +Deze broeders behooren tot elken leeftijd en tot alle standen der +maatschappij: van den aanvalligen knaap, die aan tafel dient, tot +den afgeleefden grijsaard, die zijne cel niet meer verlaten kan; +van den monnik van adelijke geboorte en groot fortuin, tot den armen +landlooper, die als een schooier op het eiland kwam. Zij dragen allen +hetzelfde gewaad, eten aan dezelfde tafel, zeggen dezelfde gebeden op, +leiden hetzelfde leven. Iedere broeder heeft zijne eigene cel, waarin +hij arbeidt en slaapt; maar allen moeten op de uren des gebeds in de +kapel, en op het etensuur in den reefter verschijnen, tenzij ziekte +of groote lichaamszwakte hen daarin verhindert. Zij laten allen hun +hoofdhaar en baard groeien, en besteden groote zorg aan deze mannelijke +sieraden, waarop men in Rusland den hoogsten prijs stelt. + +Onder deze eerwaarde vaders zijn er niet weinigen, die boven het +alledaagsche peil verheven zijn. Voorzeker bevinden zich ook onder +hen enkele bekrompen dweepers; maar den meesten is het ernst met +hunne roeping, die zij uit wezenlijken aandrang des harten gekozen +hebben. Een vrij aanzienlijk getal monniken zijn hier als gevangenen +of boetelingen, uit kloosters in het zuiden en westen herwaarts +gezonden. Deze laatsten vormen wel de belangwekkendste klasse +van kloosterlingen. Hun misdrijf bestaat gewoonlijk in overdreven +ijver; een kritischen, onderzoekenden geest, die met de bestaande +toestanden geen vrede heeft; eene vurige begeerte naar hervorming, +naar een terugkeer tot de zuiverheid der eerste tijden. Voor dergelijke +gebreken heeft een gewone monnik geen medelijden, omdat hij van zulk +streven en worstelen niets begrijpt; voor de ongelukkigen die daaraan +lijden, wordt een verblijf van korter of langer tijd in de wildernis +van Solowetsk een uitnemend geneesmiddel geacht. + +Een archimandriet, door de heilige synode tot die hooge waardigheid +geroepen, moet een man zijn van kennis en wetenschap, bekwaam om de +broederen te onderwijzen en het hem toevertrouwde huis te regeeren. Hij +moet een exempel zijn voor allen, dikwijls vasten, veel bidden, des +morgens vroeg opstaan, en leven, zooals het den heiligen betaamt. De +broeders slaan hun geestelijken vader nauwkeurig gade. Is hij streng +jegens zich zelf, dan zullen zij gewillig zijne strengheid over hen +dragen; maar wee hem, als hij zich zwak toont, als hij fijn linnen +draagt, als geurige schotels op zijne tafel verschijnen, als de +riumka--het fijne glaasje, waaruit de brandewijn gedronken wordt--te +dikwijls zijne lippen beroert. De archimandriet weet dat aller oogen +op hem zijn gevestigd, en al zijne handelingen nauwkeurig worden +bespied. En het is niet gemakkelijk allen te voldoen. Deze broeder +zou wenschen dat een strenger leefregel werd gevolgd; een ander +oordeelt de tucht reeds nu te hard. Weet de archimandriet zich niet +de genegenheid zijner onderhoorigen te verwerven, dan komen telkens +en telkens klachten over hem in bij de heilige synode, tot eindelijk +een onderzoek wordt ingesteld, en--ter wille van den lieven vrede--de +aangeklaagde kloostervoogd naar elders wordt verplaatst. + + + +VIII. + +EENS PELGRIMSDAG TE SOLOWETSK. + + +De dag van den pelgrim begint in den vroegen morgen en duurt tot den +laten avond. Wij zijn nu ook pelgrims: volbrengen wij dus onzen plicht. + +Twee uur na middernacht, als het nauwelijks donker geworden is in +onze cellen, worden wij gewekt door een monnik, die den langen gang +afwandelt, met zijne schel luidende en roepende: "Staat op, en komt ten +gebede!" Wij schieten haastig onze kleederen aan, en spoeden ons, uit +onze warme kamers, naar buiten; mannen en vrouwen, knapen en meisjes, +zeelui en houthakkers, komen haastig aangeloopen naar de heilige-poort. + +Te half drie beginnen de eerste metten in de nieuwe kerk, aan +de moeder gods gewijd, waarin het gebeente van Sint-Savatius en +Sint-Zosimus wordt bewaard. Alle lampen branden; en de met levensgroote +heiligenbeelden beschilderde, rijk vergulde wanden en beschotten +stralen in dien rosachtigen gloed. Mannen en vrouwen, soldaten en +boeren richten zich naar den hoek der kerk, waar de lichamen der +heiligen rusten; allen maken tot zeven malen het teeken des kruises, +neigen hun hoofd ter aarde, en kussen den steenen vloer voor het +gewijde graf. + +Wij scharen ons in rijen voor het altaar, met genoeg tusschenruimte dat +ieder knielen en den grond kussen kan zonder zijn buurman te hinderen; +daar staan wij, blootshoofds, terwijl de pope de liturgie voorleest, +die de monniken met hun gezang begeleiden. Deze metten zijn eerst te +vier uur afgeloopen. + +Eene tweede dienst begint te half vijf in de oude kathedraal, en duurt +een uur; de ijverigste pelgrims haasten zich, zoodra de eerste pope +den zegen gesproken heeft, om de kathedraal te bereiken, waar zij op +nieuw hunne gebeden uitstorten en den vloer kussen, tot ook de tweede +pope hun zijn zegen geeft. + +Als deze dienst is afgeloopen, blijft den pelgrims een uur over, +dat zij doorbrengen, hetzij biddende bij de graven der heiligen, of +wel wandelende in eene lange overdekte galerij, die verschillende +kerken en andere gebouwen met elkander verbindt. Langs de wanden +dezer galerij hebben russische schilders van den ouden tijd, in ruwe, +ongekunstelde tafreelen, die zaligheden des hemels, de smarten van +het vagevuur en de folteringen der hel voorgesteld. Deze schilderijen +maken blijkbaar een diepen indruk op onze medepelgrims, hoewel zij +in oorspronkelijkheid en dramatisch effect niet kunnen wedijveren +met soortgelijke voorstellingen in de oude gothische kloosters langs +den Rijn. + +Te zeven uur luiden de klokken voor de vroegmis; wij spoeden ons +naar de Lieve-Vrouwekerk, waar wij, na andermaal voor het graf te +hebben geknield, op nieuw onze plaats innemen voor het altaar, en +gedurende anderhalf uur aandachtig luisteren naar de heilige dienst, +met groote geestdrift gezongen. + +Het is nu ongeveer negen uur geworden; de zwakkere broeders mogen thans +een kop thee gebruiken; maar de sterke pelgrim ontzegt zich dit genot, +als eene verzoeking des satans: en zelfs de zwakke broeder heeft niet +veel tijd om zijn geurigen drank te genieten. De groote klok in den +kloosterhof, een geschenk van den regeerenden keizer, waarschuwt ons +dat de voornaamste plechtigheid van den dag weldra zal aanvangen. + +Met klokslag van negenen verzamelen zich de monniken in de kathedraal, +om de hoogmis te vieren. De vergadering is voltallig; de lampen +en kaarsen zijn aangestoken; de diaken begint zijne voorlezing; de +geestelijke zingen hunne responsoriën; en de dienstdoende priester, +in zijn schitterend koorkleed gedost, reciteert de overoude Slavische +liturgie met hare mystieke gebeden en lofverheffingen, begeleid met +koorgezang en statige muziek. Twee uur achtereen staan wij daar, +tegenover het van goud en kleuren stralende altaarscherm, op den +granieten vloer, blootshoofds, velen ook barrevoets, in stille +verrukking luisterende naar deze edele, indrukwekkende tonen, mede +getuigen van eene heilige, plechtige ceremonie. + +De hoogmis is afgeloopen; en langzaam stroomt de schare uit de +kerk naar de lange galerij, waar wij nog even ons hart kunnen +ophalen aan de schilderijen van hel en vagevuur, tot een monnik het +etensuur aankondigt: eene aankondiging, ook den vroomsten pelgrim +welkom. De eetzaal is een overwelfd vertrek of liever ruimte beneden de +kathedraal, en zou in ieder ander land eene krypt worden genoemd. Maar +bij het bouwen behoort men op het klimaat te letten. In Rusland kan, +bij de groote afwisseling van hitte en koude, dezelfde kerk niet +voor winter en zomer dienen: daarom zijn, althans in het noorden, +de meeste heiligdommen in eene boven- en eene benedenkerk verdeeld; +de bovenkerk wordt des zomers de benedenkerk des winters gebruikt. Onze +eetzaal te Solowetsk is de winterkerk. + +Langs de wanden en rondom de zware zuil, die het gewelf schraagt, +zijn lange tafels geplaatst; op die tafels staat voor iederen gast +een tinnen bord, waarin een houten lepel; een mes en een vork; nevens +het bord ligt een roggebrood van een pond gewicht. De pelgrims eten +in groepen van vier, evenals de monniken. In het midden van elke +groep staat een kleine tinnen schotel, bevattende een in vier stukken +gesneden gezouten sprot, en vier schijfjes rauwe uien; voorts krijgt +iedere groep een koperen terrine met zure kwas, en een schotel gekookte +stokvisch, in kleine mooten gesneden.--Een bel wordt geluid: wij rijzen +allen op, maken zevenmaal het teeken des kruises, neigen ons ter aarde, +en zetten ons weder neder. De voorzitter van elke groep strooit zout +en peper in den schotel, en roert de soep om met den lepel, waarmede +hij zijn kwas gebruikt. Weer luidt de bel: wij bedienen ons van de +stokvisch. Een lezer plaatst zich voor den lessenaar, en leest de +geschiedenis van een of anderen heilige, terwijl een knaap rondgaat +met een korf met wit brood, door den priester gezegend en in stukken +gebroken. Iedere pelgrim neemt daarvan een stuk, en eet dat, telkens +het teeken des kruises makende, tot hij zijn brood genuttigd heeft. + +Ten derdenmale klinkt de bel. Algemeene stilte; een zacht gemurmel +van gebeden. Bedienden treden binnen; onze borden worden weggenomen, +en een tweede gerecht aangedragen, bestaande uit groentensoep. Dit +gerecht is spoedig gebruikt. Een nieuwe lezer gaat voor den lessenaar +staan, en vervolgt de levensgeschiedenis van den heilige. Weer wordt +er gebeld; op nieuw kruisen allen zich bij herhaling; de bedienden +verschijnen, en ten tweeden male worden de tafels afgenomen.--Een +nieuw gerecht wordt opgedragen: haringsoep; de visch, in de baai +nabij het klooster gevangen, smaakt uitmuntend. Weer een lezer; +weer een stuk levensgeschiedenis; en dan een vijfde gelui. + +Het vierde en laatste gerecht verschijnt: eene soort van podding van +gerstemeel, die met melk wordt gegeten. Weer een lezer; nogmaals een +brok van eene heiligen-biographie; en dan een zesde bel. De pelgrims +staan op; de lezer zwijgt en breekt midden in zijn verhaal af; onze +maaltijd is gedaan. Toch nog niet geheel. Op nieuw scharen wij ons +in het gelid; de vrouwen, die in eene andere kamer gegeten hebben, +komen in de zaal terug, en te zamen heffen wij een psalm aan. Dan +staan wij voor eenige oogenblikken, in stille overdenking, met gebogen +hoofd, terwijl een pope aan iederen pelgrim een stuk gewijd brood +uitreikt. Nogmaals klinkt het schelletje; de monniken heffen een +danklied aan; een pope spreekt den zegen; en de aanzittenden gaan +huns weegs, versterkt door het genot van brood en visch. + +Het is nu ongeveer twaalf uur. De eerstvolgende kerkdienst begint +eerst kwart voor vieren. Wij hebben dus al den tijd, en kunnen dien +best besteden. Wij kunnen het klooster bezoeken; naar het heilige-meer +wandelen; het graf van Sint-Filippus bezien; de graven der vroomste en +beste monniken bezoeken; wij kunnen in de sakristie de priesterlijke +gewaden en kostbaarheden gaan bewonderen. Of wel, wij kunnen in +booten naar een der naburige eilanden varen: naar Zaet, waar twee oude +monniken wonen, en eene talrijke kudde schapen in de weide graast; naar +Muksalmi, waar ons het geloei van runderen en het gekakel en gekraai +van gevogelte in de ooren klinkt. Deze eilanden voorzien het klooster +van melk, en eieren: want op het heilige-eiland zelf mag, volgens +den regel van Sint-Savatius, geen vrouwelijk schepsel verschijnen. + +Precies te kwart voor vieren roept een klok ons weder naar de kerk: +in de kathedraal van onze-lieve-vrouwe begint de vesper. Wederom +knielen wij bij het graf en kussen den kouden steen, de draperiën, de +ijzeren tralies; dan scharen wij ons weder voor het altaar en luisteren +naar het gezang, dat door monniken en knapen wordt aangeheven. De +dienst duurt tot half vijf. Na den afloop begeven wij ons naar de +lange galerij, en beschouwen nog eens de zaligheden des hemels en de +smarten der loutering. Vijf minuten voor zessen spoeden wij ons naar +de kathedraal, waar de tweede vesper begint, en blijven daar staan, +blootshoofds en sommigen ook barrevoets, tot half acht. + +Te acht uur luidt de bel voor het avondmaal. Allen haasten zich aan +die welkome uitnoodiging te voldoen; de monniken scharen zich in +processie; de pelgrims volgen, en in plechtigen optocht begeven wij +ons naar de krypt, waar wij, evenals bij het middagmaal, de lange +tafels zien aangericht, met het pond roggebrood, de gezouten sprot, +de in vier stukjes gesneden uien, en de koperen terrine met kwas. Onze +avondmaaltijd is eenvoudig eene herhaling van het middagmaal: dezelfde +gebeden, dezelfde buigingen en zegeningen met het teeken des kruises; +ook het luiden der bel en het voorlezen van brokstukken uit de +geschiedenis der heiligen ontbreekt niet. Het eenige onderscheid is, +dat wij des avond geen gerstepodding met melk krijgen. + +Als ieder naar genoegen gegeten heeft en de overgeschoten brokken +zijn weggenomen, staan wij op, spreken een dankgebed uit, en heffen +met de monniken den avondzang aan. Een pope spreekt den zegen, en +wij zijn vrij om naar onze cellen te gaan. Een pelgrim, die lezen +kan en goede boeken bij zich heeft, behoort echter, eer hij zich ter +ruste begeeft, een psalm van David of een hoofdstuk uit de levens der +heiligen te lezen. Te negen uur worden de kloosterpoorten gesloten; +in den regel moet de pelgrim dan te bed zijn, om eenige uren te slapen. + +Twee uren na middernacht gaat de monnik rond met de bel, en roept de +slapende wakker, om de plichten van den nieuwen dag te vervullen. + + + +IX. + +BIDDEN EN WERKEN. + + +Op de heilige-eilanden wordt niet alleen gebeden, er wordt ook ijverig +gewerkt. In dit klooster is geen enkele monnik, die een werkeloos leven +leidt. Niet alleen de broeders, die geen popen zijn, maar ook zij, +die den herdersstaf voeren en den pelgrims hun zegen geven, houden +zich, althans voor het meerendeel, onledig met het vervaardigen van +allerlei nuttige voorwerpen, van sieraden voor de kerk, van huisraad +en meubelen voor den reefter en de cellen. Anderen vervaardigen +voorwerpen, die buiten het klooster verkocht worden: kleederen, +rozenkransen, lepels, schotels en dergelijke zaken. + +Langs den binnenmuur loopt eene aaneengeschakelde reeks van +werkplaatsen, waar de arbeid niet poost van den vroegen morgen tot +den laten avond: smederijen, timmerwerven, weverijen, touwslagerijen, +leerlooierijen, brouwerijen, melkerij, mandenmakerij; werkplaatsen +voor het zouten van vleesch en visch, voor het inleggen van groenten en +vruchten, enz.;--in één woord, alle bedrijven, die voor de menschelijke +samenleving noodig en nuttig zijn, vindt ge hier bijeen; de goede +monniken maken daarbij veelvuldig gebruik van de uitvindingen en +hulpmiddelen der moderne industrie. Bij uitnemendheid bedreven in alle +takken van handenarbeid, paren zij aan deze technische bekwaamheid +zooveel smaak en zoo vindingrijk vernuft, dat ge bijna niets bedenken +kunt wat niet door deze monniken wordt vervaardigd, van een eenvoudig +snoer van glaskoralen tot een volledig opgetuigd fregat. Nergens wordt +zoo fijn en voedzaam brood gebakken, nergens zulke voortreffelijke kwas +gebrouwen. Terwijl vader Hilarion mij door deze werkplaatsen rondleidt, +wachten mij telkens nieuwe verrassingen. Nooit had ik kunnen gelooven +dat zulke fraaie, degelijke en tevens zoo hemelsbreed verschillende +zaken inderdaad vervaardigd waren door monniken, in een eenzaam eiland +als gevangen, en gedurende acht maanden van het jaar door sneeuwstormen +en ijsschotsen van iedere gemeenschap met de buitenwereld afgesneden. + +Deze geestelijke heeren vervaardigen kappen en gordels van +zeehondenvel; zij schilderen met olieverf en snijden kunstig beeldwerk +in hout; zij bereiden het leder, breien wollen kousen, en gieten +en smeden ijzer; zij spinnen vlas en linnen; zij polijsten steenen; +zij maken vilten schoenen en slobkousen, rijtuigen en sleden, touwen +en kabels, tinnen en houten borden en schotels, en bloemen van papier; +zij verstaan de kunst om vruchten in te leggen en om korfjes en mandjes +te vlechten van de schors van den zilverden; zij zagen en houwen +steenen; zij vellen en kappen boomen; zij smeden ankers en zoeken +honing uit; zij teekenen plannen voor altaren, kerken, kloosters, en +weten uitnemend met de borduurnaald om te gaan;--en al wat zij in deze +zoozeer verschillende vakken leveren, is een model van zorgvuldige, +smaakvolle, degelijke bewerking. Zijn er onder de broeders, die aanleg +hebben voor het landbouwbedrijf, ook die kunnen gelegenheid vinden, +hun talent te gebruiken: zij verzorgen het vee, scheren de schapen, +mesten het gevogelte; zij maken boter en kaas: doch alleen op de +eilanden, waar dergelijke bedrijven worden toegelaten. Anderen kweeken +bloemen en poten aardappelen, verzorgen de bijenkorven, maaien het +gras, zamelen de vruchten in, en verrichten alle bezigheden, die in +veld en akker en gaarde noodig zijn. + +Wij beginnen onze wandeling met de bakkerij, die wel de eer verdient +van het eerste bezoek. Van alle omliggende dorpen langs de kust komt +men herwaarts om brood; sommigen koppen, anderen bedelen het; iedere +pelgrim, die Solowetsk bezoekt, neemt bij zijn vertrek een groot +brood, als reisgave, mede. Er wordt hier tweeërlei brood gebakken: +tarwe- en roggebrood. Het laatste, dat zeer goedkoop is, wordt bij +iederen maaltijd gebruikt; het eerste, dat gewijd en zonder gist +gebakken wordt, is duur: het is heilig brood, dat alleen bij zekere +gelegenheden wordt gegeten. Beide soorten zijn overigens zeer goed. De +gewijde brooden wegen slechts zeven of acht ons: zij zijn versierd met +een kruis, in een opschrift met Slavische letters gevat. Deze brooden +worden door de geloovigen met grooten eerbied behandeld; en de vrome +pelgrim, die een klooster zoo als Solowetsk, Sint-George of Troïtza +bezoekt, kan zijn vrienden of bloedverwanten met geen welkomer geschenk +verrassen, als herinnering van zijne bedevaart, dan met zulk een brood. + +De brouwerij is in hare soort niet minder voortreffelijk dan de +bakkerij. De kwas vervangt voor den Rus de plaats van bier en wijn: +het is de nationale drank, geliefd bij alle standen, en die bij de +bereiding van bijna alle spijzen, bij genoegzaam alle maaltijden, +gebruikt wordt. De kwas van Solowetsk behoort tot de beroemdste en +meest gezochte soorten. + +In de nabijheid bevinden zich de werkplaatsen, waar borden en lepels +uit hout gesneden en beschilderd worden. De levenswijze in deze +noordsche wildernissen is nog aartsvaderlijk eenvoudig; vorken zijn +zeldzaam, en messen een artikel van weelde. Bij den maaltijd bedient +men zich hoofdzakelijk van lepels. Bijna alle spijzen worden zacht +gekookt of in vloeibaren staat op tafel gebracht: in het midden staat +een diepe schotel, en de eenvoudige gasten scharen zich in het rond, +ieder met zijn grooten lepel gewapend. Het bord en de lepel zijn +van hout gesneden, en somwijlen sierlijk en met smaak bewerkt en +beschilderd; de fraaisten worden door de pelgrims als een aandenken +gekocht en zorgvuldig bewaard. + +Ziehier eene andere industrie: de mandenmakerij. In de noordsche +wouden is aardewerk schaarsch en duur, en daarbij lomp en ruw. De +lieden dezer streek moeten dikwijls lange voetreizen maken: het zou +bezwaarlijk vallen, zich op die tochten met eenige potten en pannen +te belasten. In plaats daarvan heeft men manden en korfjes, die van +boomschors worden gevlochten, lichter zijn dan kurk en gemakkelijker +te vervoeren dan tinnen kannen of schotels. Zij worden met een deksel +gesloten, en zijn van een hengsel voorzien. Die korfjes zijn volkomen +droog en zoo dicht, dat men er zelfs melk in vervoeren kan; toch +hebben zij den aangenamen, harsachtigen geur behouden van van het +hout, waarvan zij vervaardigd zijn. Gij kunt ze van alle afmetingen +krijgen, van de grootte van een peperbus tot die van een waterkruik; +zij kosten slechts eenige kopeks het dozijn. + +De eigenlijke manden zijn grooter en minder fijn bewerkt; zij +zijn bestemd voor tochten over hobbelige rotsachtige wegen of +door moerassen. Deze manden zijn in vakken verdeeld, waarin ge +wijnflesschen, lepels en vorken bergen kunt. Moet ge eene lange reis +maken, dan is het raadzaam, in het open middenvak van uw mand eenige +korfjes van boomschors mede te nemen, waarin ge kleine benoodigdheden, +zooals mosterd, zout, room en dergelijke bergen kunt. + +Onder de veelsoortige werkplaatsen, die wij bezoeken, behoort ook de +weverij, in een der torens van den buitenmuur: een toren, die niet +alleen de bijzondere aandacht verdient om de uitnemendheid van het +werk, dat hier vervaardigd wordt, maar ook om de belangrijke rol, +die hij gespeeld heeft bij de verdediging van Solowetsk tegen de +engelsche vloot. Het kanonschot, dat, naar men zegt, de _Brisk_ +tot wijken dwong, werd uit den Weverstoren afgevuurd. + +In een zonnig hoekje boven op den wal staat een sierlijk photographisch +atelier; in de onmiddellijke nabijheid ziet ge eene reeks nieuwe +gebouwen, waarin de werkplaatsen der schilders en graveurs, die echter +geene andere dan uitsluitend kerkelijke kunst beoefenen. Sommigen +doen niets meer dan werken van andere meesters kopiëeren; maar ook de +meest begaafden onder hen overschrijden toch nooit de conventioneele +grenzen, door de kerkelijke traditie gesteld. De kunst verkeert hier +nog in het stadium harer ontwikkeling: zij staat nog geheel en al +onder de heerschappij dier starre, levenlooze byzantijnsche school, +waarvan de patriarch Nikon een zoo groot voorstander was, en die hij, +voor de versiering van kloosters en kerken, tot wet en regel stelde. + +Maar de vrome vaders troosten zich over deze tekortkomingen: hunne +grootste kracht openbaart zich op een ander gebied: dat van den +scheepsbouw en wat daarmede samenhangt. Zij zijn, en met recht, +trotsch op hetgeen zij daarin tot stand hebben gebracht. Velen van +hen brengen het grootste gedeelte van hun leven aan boord door, +en zijn met hartstochtelijke liefde aan de zoute zee gehecht. Zij +bezitten een aantal booten en scheepstuig in overvloed, dat zij zelf +vervaardigen. Zij richten vuurtorens op, en bakenen het vaarwater af; +zij timmeren booten en sloepen, en hebben het bewijs geleverd, dat op +de werven van Solowetsk een stoomschip in al zijne deelen volledig +kan worden gebouwd, alleen de machine uitgezonderd. Dit stoomschip +heet _de Hoop_. Zijne bemanning bestaat hoofdzakelijk uit monniken; +en de gezagvoerder is niet alleen monnik--zooals vader Johannes--maar +zelfs pope. Toen ik dezen priesterlijken schipper voor het eerst zag, +bediende hij de mis voor het altaar. Na afloop van de dienst nam de +eerwaarde vader mij mede, om mij zijn schip en het dok, waarin het +vaartuig lag, te laten zien. Met levendige belangstelling bezocht ik +_de Hoop_, merkwaardiger in mijn oog, dan bijkans eenig ander schip. Is +toch niet eene stoomboot, door monniken aan de kusten der IJszee +gebouwd, in hare soort eene even groote zeldzaamheid als de toren +der Lieve-Vrouwekerk in Antwerpen of de Dom te Keulen? De gedachte om +dat stoomschip te bouwen was in het brein van een monnik opgerezen; +het plan was door de hand van een monnik geteekend; monniken velden de +boomen, en smeedden de bouten, en vlochten de touwen; monniken voegden +al deze deelen samen; monniken tuigden het vaartuig op, beschilderden +de kajuit en bekleedden de kussens der banken. Monniken lieten haar +te water, en hebben sedert met hunne eigene boot de wilde wateren +der Witte-zee doorkruist en de stormen getart. + +Het dok, waarop vader Johannes zoo fier was, is niet maar een gewoon +dok, maar zelfs een droog dok. Dergelijke werken zijn in Rusland +eene groote zeldzaamheid, in het geheele rijk zijn er maar enkele +havens, die een dok bezitten. Noch te Archangel, noch te Astrakhan +zult ge er een vinden. Alleen in steden zooals Riga en Odessa, door +vreemdelingen gebouwd en bewoond, treft ge dergelijke werken van +openbaar nut aan. Het drooge dok te Solowetsk is het eenige in geheel +het eigenlijke Rusland. Kronstadt--het is waar--bezit een droog dok: +maar Kronstadt is minder een russische, dan wel een duitsche haven, met +een duitschen naam. Het eenige werk van dien aard op echt-russischen +grond is--karakteristiek genoeg--eene schepping van monniken. + +Niet enkel gewone kloosterlingen, ook priesters nemen aan al dezen +arbeid deel. Wanneer een monnik de wijding ontvangen heeft, staat het +hem volkomen vrij, zich uitsluitend tot de dienst der kerk te bepalen: +maar in het klooster van Solowetsk is het eene zeldzaamheid, dat +een pope alleen de plichten van zijn ambt waarneemt. Arbeidzaamheid +is hier het merk van een waarlijk godsdienstig leven. Toont een der +broederen bijzonderen aanleg voor een of ander bedrijf of kunst te +bezitten, dan vindt hij zoowel bij zijne geestelijke overheid als bij +zijne medebroeders alle aanmoediging om zijne roeping te volgen, en de +vruchten van zijn arbeid Gode te wijden. De eene pope is landbouwer; +een ander schilder; een derde visscher; deze zoekt geneeskundige +kruiden; die kopiëert oude handschriften een derde bindt boeken +in, enz. + +Van al deze beroepen is dat van onderwijzer niet het minst +begeerlijke. De kinderen, die te Solowetsk ter school worden gezonden, +blijven er minstens een jaar, en somwijlen langer. De inrichting der +school is hoogst eenvoudig, en het onderwijs bepaalt zich tot het +volstrekt noodige: trouwens de school is ook hier een getrouw beeld +van den toestand des lands; voedsel en ligging verschillen niet veel +van hetgeen ge in iedere _isba_ (boerenwoning) vinden kunt. Wanneer +een knaap, na verloop van zijn leertijd, in het klooster wenscht te +blijven, kan hij zich als werkman verhuren, hetzij op de landhoeven +of bij de visscherij. In den zomer ontvangt hij het voedsel der +monniken: brood, visch en kaas; des winters krijgt hij gerookt +schapenvleesch--eene lekkernij, waarvan zijne meesters niet proeven +mogen. Velen van deze knapen blijven hun leven lang op het eiland; zij +mogen niet huwen, maar zijn daarentegen van kost en inwoning verzekerd, +vrij van de militaire dienst en van alle huiselijke zorgen. Enkelen +treden in den geestelijken stand. Keeren zij later in de wereld terug, +dan strekt hun verleden hun tot aanbeveling voor het verkrijgen van +eene of andere betrekking; in ieder geval weten zij hun eigen weg +te vinden, want een jonkman, die eenige jaren te Solowetsk heeft +doorgebracht, heeft niet alleen geleerd zich zelven te helpen, zijn +eigen eten te bereiden en zijne kleederen te maken, maar verstaat +ook altijd een of meer ambachten, waarmede hij den kost verdienen kan. + + + +X. + +DE ZWARTE GEESTELIJKHEID. + + +Bijna alle Russen van aanzienlijken of beschaafden stand zien met +verachting neder op hunne ordens-geestelijken, op de zoogenaamde +Zwarte geestelijkheid, aldus genoemd naar de kleur van hun gewaad. Zij +beschouwen de kloosterlingen in het algemeen als een hoop onbeschaafde +lieden, als onwetende, zedelooze leegloopers, die tot niets dienstig +zijn, en die, hoe eer hoe beter, behooren opgeruimd te worden. "Weg +met de monniken en kloosters!" is het wachtwoord van verreweg de +meeste jonge vrijzinnige Russen. + +En zij die aldus spreken, zijn niet altijd spotters en ongeloovigen, +verklaarde vijanden van iedere godsdienstige overtuiging, van elke +geestelijke of kerkelijke instelling. Neen, zeer dikwijls zijn het +ernstige mannen, die hunne kerk liefhebben, den priester hunner +parochie gaarne ondersteunen, en die niets liever wenschen dan hun +vaderland den eersten rang onder de christelijke mogendheden te +zien innemen. In Rusland, zeggen zij, leven tienduizend monniken: +eene overtollige, om niet te zeggen schadelijke bevolking; het beste +wat men zou kunnen doen; is, er soldaten van te maken, opdat zij ten +minste het land van eenig nut zijn. + +Deze niet altijd billijke vijandschap der beschaafde klassen tegen de +kloosterlingen vindt eenigermate hare verklaring in den hardnekkigen +tegenstand, dien schier te allen tijde iedere maatregel tot hervorming, +hetzij op staatkundig, hetzij op kerkelijk gebied, bij de monniken +heeft ontmoet. Om zich van deze stemming der gemoederen en den aard der +bestaande spanning volledig rekenschap te kunnen geven, is het noodig +den omvang en den oorsprong van de macht der monniken van naderbij +te bestudeeren. De afdwaling van ons eigenlijk onderwerp zal slechts +schijnbaar zijn: onze studie zelf zal ons naar Solowetsk terugvoeren. + +Een woestijn met kloosters bezaaid;--de naam zou niet slecht passen +voor de gansche onmetelijke landstreek, die van de Poolzee tot de +tartaarsche steppen reikt. Voor Nieuw-Rusland, voor de gouvernementen +van Kazan en de Krim, voor de streken langs de Beneden-Wolga en +voor Siberië, ware deze beschrijving onjuist: maar het eigenlijke +Groot-Rusland is voor de monniken een waar paradijs. Van Kem aan den +oever der Witte-zee tot Bjelgorod aan de grenzen der Ukraine,--een +afstand van omstreeks duizend (engelsche) mijlen;--en van Pskow, nabij +het meer Peïpus, tot Wassil aan de Wolga--een afstand van ongeveer +zevenhonderd mijlen--is het gansche land als overdekt met kloosters, +klinkt u overal het welluidend klokgelui tegen. + +Ge kunt u moeilijk iets treurigers en naargeestigers denken dan +een russisch woud, tenzij dan eene russische vlakte. Het woud is +eene opeenvolging van dwergachtige berken en pijnen; de boomen zijn +allen genoegzaam even hoog en even dik; de eentonige donkere lijn +wordt slechts nu en dan afgebroken door een stinkend moeras of een +vaalkleurig, levenloos meer. De vlakte is eene onafzienbare hei, +zonder eene enkele verheffing van den grond, zonder een enkelen boom, +zonder eene enkele stad, op eene uitgestrektheid van misschien honderd +mijlen; eene naakte hei, met schraal, armelijk, bruin gras begroeid; +en hier en daar met eene verzameling van ellendige leemen hutten, in +modder en slijk verzonken, waaraan de naam van dorp kwalijk voegt. De +schrikkelijke eenvormigheid van zoodanig landschap ware niet uit te +houden, indien niet telkens het oog van den reiziger geboeid, zijn +hart verkwikt werd, door het gezicht van een klooster, dat op een +open plek in het woud, aan den zoom der eenzame vlakte, zijn stralend +kruis en schitterend bemaalde torens ten hemel heft; een klooster met +zijn krans van groen, zijn wit-gepleisterden voorgevel, zijn groep +van vergulde of beschilderde koepels. De wouden rondom Kargopol, de +moerassen langs het meer Ilmen, de vlakke velden rondom Moskou, danken +aan de kloosters kleur en leven; terwijl zoo menig kleiner convent, +wegduikende in de schemerende diepte des wouds, of den eenzamen +rivieroever verlevendigende, met vroolijken ernst den reiziger groet. + +De oude steden van Groot-Rusland--Nowgorod, Moskou, Pskow, +Wladimir,--zijn veel rijker aan kloosters dan hare mededingers +van later tijd. De oevers van de rivier de Wolchow, die de oudste +metropolis van Rusland besproeit, zijn over eene uitgestrektheid van +vele mijlen boven en beneden de stad, met oude godsdienstige gestichten +bezaaid. De voorsteden van Nowgorod prijken met de prachtige kloosters +van Sint-George, Sint-Cyrillus en Sint-Antonius van Rome. Moskou is +omgeven van een breeden krans van kloosters en abdijen--Simonoff, +Donskoï, Troïtza, Danieloff, Alexiewski, Iwanowski, en nog vele +anderen; Pskow heeft haar prachtig convent der katakomben, in +heerlijkheid ternauwernood onderdoende voor het klooster van gelijken +naam te Kiew. + +Evenwel is het er verre van, dat al deze vrome stichtingen juist uit +vroeger tijd zouden dagteekenen. Rusland verkeert nog in het tijdperk, +waarin godsdienstige geestdrift een der machtigste drijfveeren in +het leven des volks en der individuen is:--een tijdperk, dat aan den +middeleeuwschen heldentijd der germaansche wereld denken doet. Wat +echter voor ons, behoudens enkele uitzonderingen, tot het verleden +behoort, is hier nog eene zeer levende werkelijkheid, wier kracht en +invloed zich telkens openbaart. Ik wil daarvan een voorbeeld aanvoeren. + +In het jaar 1803 werd in eene der ellendige hutten van het kleine dorp +Pretchistoi, nabij de stad Wladimir, een lijfeigene geboren, van zoo +lagen stand dat zijn geslachtsnaam in vergetelheid is geraakt. Jaren +lang leefde hij, als andere eigenhoorigen, op het landgoed van +zijn heer; hij huwde twee malen een meisje van zijn eigen stand, +en won drie zonen, die voorspoedig opgroeiden. Tot dusverre was +zijn leven gelijk geweest aan dat zijner lotgenooten; maar toen hij, +op zeven-en-dertig jarigen leeftijd, voor de tweede maal weduwnaar +geworden, door zijn heer werd vrijgelaten, verliet hij zijn dorp en +begaf zich naar Troïtza, nabij Moskou. Daar nam hij den naam van +Filippus aan, kleedde zich in een pij en kap, en groef voor zich +zelven een hol onder den grond. In deze onderaardsche woning sleet +hij vijf jaren; toen zocht hij een ander verblijf op, nog beter aan +zijn wenschen beantwoordende, en wel op het kerkhof, te midden der +graven van het klooster; daar bracht hij twintig jaren door. Hij had +zijne vrijheid te lief, om zich door het afleggen der kloostergelofte +daarvan te berooven: maar door de ondervinding geleerd, dat ook in +Rusland, als elders, in spijt van het spreekwoord, de pij den monnik +maakt, kleedde hij zich in grof sergie en omgordde zijne lendenen +met een zware ketting. Aldus uitgedost toog hij naar Moskou, naar +den metropolitaan Philarethes, vroeg dien prelaat om zijn zegen, en +tevens om de vergunning zijn naam te mogen aannemen. De aartsbisschop +schiep behagen in dien zonderlingen bedelmonnik, en willigde zijn +verzoek in: en van dat oogenblik werd de voormalige lijfeigene van +Pretchistoi door den ganschen omtrek bekend als Philarethes-Ouchka +(Philarethes de Kleine). + +Het kerkhof van Troïtza ligt op eene stille eenzame plek, aan den +oever van een schilderachtig meer, omgeven door donkere bosschen. Te +midden dezer groenende grafheuvelen sloeg de monnik zijne kluis +op. In het klooster van Troïtza kocht hij, voor twee kopeks per stuk, +eenige kruisen en heiligenbeelden; hij ging daarmede door de straten +en langs de huizen van Moskou, en deelde ze, met zijn zegen, aan +de lieden uit, zonder iets te vragen, maar aannemende wat men goed +vond hem te geven. De een schonk hem een roebel, een ander tien, een +derde honderd: iedere gave was hem welkom. Weldra had hij een niet +onaardig kapitaaltje in de bank. De prenten brachten hem meer op dan +de kruisen; want, naar de algemeene overtuiging des volks, brengen de +eersten zegen aan, terwijl de anderen boden zijn van ongeluk. Schonk +Philarethes aan eene of andere vrome vrouw een kruis, dan keerde zij +huiswaarts, bezwaard van harte. Het symbool des christelijken geloofs +is in Rusland nog niet afgedaald tot den rang van een gewoon sieraad +of toilet-artikel. Geene russische boerin zou het in de gedachte +komen, zich met een kruis op te tooien; ook zoekt ge het vergeefs +als ornament in de woningen der aanzienlijken. De priester draagt een +kruis; het kruis straalt op de kerktorens en koepels: maar zeldzaam +zult ge het gewijde teeken, hetzij in schilder- of beeldhouwwerk, +in een gewoon huis vinden. Toch draagt iedere rechtgeloovige Rus een +kruis, dat hij nooit aflegt--het is dat, hetwelk hem bij zijn doop +om den hals wordt gehangen; maar dit is geen sieraad. + +Zonderling in kleeding, manieren en spreekwijze, droeg +Philarethes-Ouchka noch schoenen noch kousen; in plaats van de gewone +russische begroeting: "Het ga u wel!" sprak hij de lieden aan met +de woorden: "Uw engelbewaarder geve u een blijden dag!" In zijne cel +en op al zijne tochten was hij steeds vergezeld door een ander, niet +minder zonderling personage, Iwanouchka, Johannes de Kleine (familiaar +Jantje) genoemd, die nooit sprak, maar altijd zong. Iwanouchka zong +in zijne cel, zong op den weg, zong langs de huizen, zong in de +kerk. Aan den toon waarop hij zong, herkende men de gemoedsstemming +van zijn meester; en uit het zingen van Iwanouchka kon menige arme, +eenvoudige vrouw reeds vooraf berekenen of zij van Philarethes dien +dag een kruis of een heiligenbeeldje te wachten had. + +Vooral bij den kleinen, neringdoenden burgerstand stond de kluizenaar +in groot aanzien. De meer aanzienlijke dames hielden zich op een +afstand: niet omdat hij geld van haar vroeg, maar omdat hij hare mooie +kamers vuil maakte. De uiterlijke verschijning van deu vromen man was +toch niets minder dan bevallig: maar zijne verregaande onreinheid, +zijne verroeste ketting, zijne met stof en vuiligheid bedekte huid, +zijne ongekamde haren, waren, in de oogen zijner trouwe volgelingen, +zoo vele teekenen zijner uitnemende heiligheid. De vrouwen der +kooplieden en winkeliers van Moskou dweepten met hem. Eene dame +verhaalde mij eens, dat toen zij op zekeren dag een bezoek ging +afleggen bij eene harer vriendinnen, de echtgenoote eens koopmans van +het eerste gilde van Moskou, zij deze voor den kluizenaar geknield +vond, bezig zijne voeten te wasschen. En dit was niet maar een ijdele +beleefdheidsvorm: want Philarethes liep barrevoets, en de straten +van Moskou zijn met harde keien geplaveid en bij uitnemendheid +morsig. Zekere bejaarde juffer Seribrikoff placht er zich op te +beroemen, dat het haar eenmaal vergund was geweest, de wonden van den +heiligen man te reinigen. Jonge bruiden baden hem op hare bruiloft +te verschijnen: want bij zulke gelegenheden was hij vaak gewoon +te profeteeren; en met godsdienstigen eerbied werden de duistere +woorden opgevangen, waarin de aanduiding van het toekomstig lot der +jonggehuwden lag opgesloten. Op zekeren dag was hij op de bruiloft +van Gospodin Sorokin, een der rijkste inwoners van Moskou; plotseling +wendde hij zich tot de bruid en sprak: "Als de feesten voorbij zijn, +zult ge uw man met honing moeten zalven." Niemand begreep wat hij +zeggen wilde; maar drie dagen later was Sorokin een lijk: nu was de zin +der voorspelling openbaar, want bij eene russische begrafenis mag geen +honing ontbreken. Natuurlijk won het geloof aan de profetische gave van +Philarethes, door zulk een opzienbarend feit, niet weinig in kracht. + +Eene zijner ijverigste en vermogendste volgelingen, Mevrouw Loguinoff, +schonk hem eene aanzienlijke som gelds, om daarvoor een klooster +en een kerk te bouwen; en toen deze heiligdommen te midden der graf +heuvelen van Troïtza waren verrezen, scheen de taak van den bedelmonnik +voltooid. Toch waren de laatste levensjaren van Philarethes-Ouchka +niet de gelukkigste. Zijn machtige beschermheer was gestorven; en +Innocentius, de nieuwe metropolitaan, een ernstig man, vol ijver +voor zijn geloof, had weinig op met de zonderlinge praktijken van +den kluizenaar, en verklaarde zich tegen hem. Philarethes verliet nu +zijn klooster en trok naar het dorp Tcheglowe, in het gouvernement +Toela, waar hij een nieuw klooster bouwde. Daar stierf hij in 1868, +ruim vijf-en-zestig jaren oud. De beide door hem gestichte kloosters +worden nu door gewone monniken bewoond. + +Dergelijke verschijnselen mogen zeker wel als ongezonde openbaringen +van het godsdienstig leven worden beschouwd. Toch zoekt de zwarte +geestelijkheid daarin een wapen tegen de spotternijen en aanvallen +eener vijandig gezinde wereld, die aan dezen staat van zaken een +einde maken wil. In dien strijd is het voordeel tot dusverre aan de +zijde der monniken. De liberale opinie en de moderne wetenschap zijn +hun vijandig; maar deze beide machten zijn in Rusland, immers bij de +overgroote meerderheid des volks, nog in geenen deele inheemsch, zij +staan, in zekeren zin, buiten het nationale leven. Daarentegen hebben +de monniken op hunne zijde de traditie, de ingewortelde gewoonte, de +overgeleverde piëteit. Ook beschikken zij over alle hooge kerkelijke +betrekkingen, en over zeer groote levende krachten op allerlei +gebied. De vrouwen zijn voor hen; voor hen is ook de meerderheid der +landelijke bevolking. Te allen tijde hebben de vrouwen zich bijzonder +aangetrokken gevoeld door de monniken, wier gelofte hen bindt allen +omgang met haar te vermijden; en er zijn weinig steden in Rusland, +waar men u niet weet te verhalen van een of anderen eerwaarden vader, +die, even als Philarethes de Kleine, door eene gansche schare van +lieve discipelinnen gevolgd en gevierd werd. + +De monniken hebben niet alleen alle geestelijke macht in handen, +maar de elementen zelf, waaruit deze macht is samengesteld, zijn +in hun bezit. Hunner zijn de kloosters, de katakomben, de heilige +plaatsen. Zij bewaren de beenderen der heiligen; uit hun midden +komen nieuwe heiligen voort. In het gouden boek der russische kerk +komt geen enkele naam voor van een gekanoniseerden wereldlijken +priester. De monniken bezitten de gave der zelfverloochening en de +gave der wonderen--twee zoo machtige en invloedrijke factoren in een +land als Rusland. + + + +Zelfverloochening is voor den Rus het onbedriegelijkst merk van het +ware geloof, de hoogste kroon van een Gode gewijd leven. Ook deze +eerste en edelste aller deugden neemt echter dikwerf zonderlinge vormen +aan. In het vorige jaar (1868) stierf in het krankzinnigengesticht +te Moskou een man, Iwan Jacowlewitch genaamd, eene zonderlinge +vermaardheid verworven had. Velen hielden hem voor krankzinnig; anderen +vereerden hem als een heilige. Daar de eersten de meerderheid hadden, +sloten zij hem op, en hielden hem tot aan zijn dood onder geneeskundige +behandeling en toezicht. + +Deze Iwan, burger der kleine stad Cherkosowo, achtte zich geroepen, +zijne gezondheid, en alle gemakken en genietingen des levens den +Heer ten offer te brengen. Op jeugdigen leeftijd reeds legde hij +de plechtige gelofte af, nimmer zijn aangezicht te zullen wasschen, +noch zijne haren te kammen; nimmer zijne lompen te zullen afleggen; +nimmer op een stoel of bank te gaan zitten; nimmer aan een tafel +te eten, noch een mes of vork te gebruiken. Krachtens deze gelofte +leefde hij als een hond, op den grond liggende en zijne spijzen +opslurpeude. Toen men hem in het krankzinnigengesticht bracht, werd +hij behoorlijk gewasschen en van nieuwe kleederen voorzien: maar +aanstonds verontreinigde hij die, en zijne oppassers kwamen spoedig +tot de overtuiging, dat het onmogelijk was hem zindelijk te houden. + +Inmiddels ging de roep van hem uit door de gansche stad, en het +duurde niet lang, of de cel van Iwan Jacowlewitch was eene gevierde +bedevaartsplek geworden. Niet alleen dienstmeiden en boerinnen, +maar deftige burgervrouwen, kwamen hem dagelijks opzoeken, +brachten hem allerlei lekkernijen, gaven hem geld ten geschenke, +en vertelden hem hare dierbaarste geheimen. Op den grond gezeten, +staarde hij met half wezenloozen blik zijne bezoekers aan, en mompelde +eenige onsamenhangende woorden, die zijne hoorders, met de uiterste +inspanning, trachtten te verstaan en te ontcijferen. Somwijlen maakte +hij balletjes van de kruimels zijner koekjes; en wanneer kranken bij +hem genezing kwamen zoeken, stopte hij hun deze vuile pillen in den +mond. Deze man nu heette "uitzinnig om des Heeren wil." + +De directeur van het gesticht liet hem naar eene ruime kamer +overbrengen, waar hij zijne bezoekers kon ontvangen. Men wist dat hij +stapelgek was; dat dit drukke bezoek en die gedurige aandoeningen +allernadeeligst voor hem waren: maar de toeloop was zoo groot en +de begeerte van het publiek om hem te zien zoo levendig, dat de +uitspraken der wetenschap en de regelen van het gesticht daarvoor +zwichten moesten. Toen de arme krankzinnige eindelijk stierf, was de +ontsteltenis onder de lagere volksklasse in Moskou algemeen; en eenigen +tijd na zijn dood las men in het Dagblad van Moskou eene oproeping, om +voor dien man in zijne geboorteplaats een gedenkteeken op te richten. + +In den regel neemt echter deze zucht voor zelfverloochening een +anderen, minder aanstootelijken vorm aan: dien van afzondering van de +wereld. Het kluizenaarsleven geldt als het Gode gevallige leven bij +uitnemendheid. Alle afdeelingen der oostersche kerk--de armenische, +de koptische, de grieksche--werken deze richting in de hand: maar +geene andere kerk kan op zulk eene menigte kluizenaars wijzen als +de russische. Haar kalender wemelt van de namen van kluizenaars en +asceten; en hetgeen men van de ontberingen en zelfkastijdingen dezer +lieden verhaalt, is somwijlen bijna ongeloofelijk. Zoo vertelt men +van zekere zuster Maria, die zich in een rotsspleet liet opsluiten; +zij kreeg haar voedsel door een gat in de rots, en bracht twaalf +jaren in dit levend graf door. + +Ongeveer veertig mijlen van Moskou, niet verre van de abdij van +Troïtza, bevindt zich eene soort van monniken-kolonie, Grethsemané +genaamd en bestaande uit een klooster en katakomben, door een meer van +elkander gescheiden. Het klooster, een type van armoede en ellende, +is van ruwe boomstammen opgetrokken, die ternauwernood geverfd +zijn. Nergens is een spoor van goud of zilver te bespeuren; alle +sieraden zijn van cypressenhout. De monniken dragen tabbaarden van +de gemeenste sergie, en voeden zich met de schraalste spijs. Geene +vrouw mag deze heilige plek betreden, dan eenmaal in het jaar, op +den dag van Maria-Hemelvaart.--Aan gene zijde van het meer bevinden +zich de katakomben, diep in den grond uitgegraven. Wij staan voor +de nauwe opening, die naar deze onderaardsche verblijven voert, en +steken ieder onze kaarsen aan; een monnik maakt het teeken des kruises, +prevelt eenige onverstaanbare woorden, en daalt de smalle trap af. Wij +volgen langzaam, een voor een, zwijgend, zoo dicht mogelijk langs den +muur voortgaande. Eene benauwde lucht komt ons tegen; een zonderling +dof geluid treft onze ooren; wij ademen met moeite in dezen zwaren, +bedorven dampkring. De kaarsen flikkeren en branden al flauwer in +de dikke duisternis. In een smallen gang zien wij enkele getraliede +vensters, nauwe openingen en met ijzer beslagen deuren: dit zijn +toegangen naar cellen. Het gewelf is doortrokken van vocht; op den +grond kruipen allerlei ongedierten. + +"Hush!" fluistert de monnik, als wij langs enkele getraliede vensters +en met ijzer beslagen deuren heen gaan, als vreesde hij dat wij +de rust der dooden zouden storen.--"Wat is dit voor eene opening +in den muur?"--De monnik staat stil en beweegt zijn spookachtigen +fakkel. "Een cel, zegt hij; hier ligt een goede man. Hush! zijne ziel +is nu bij God!"--"Dood?"--"Dood voor de wereld--ja."--"Hoe lang is +hij hier?"--"Hoe lang?--Elf jaar en langer." + +Wij gaan met eene huivering voorbij dit levend graf, en treden +weldra uit den nauwen gang in eene kleine kerk. De lamp brandt voor +het altaar; twee monniken liggen geknield, met het aangezicht ter +aarde; een priester zingt, op doffen toon, de liturgie. Achter dit +kerkje bevindt zich de heilige put, waarvan het water, naar men zegt, +heilzaam is voor lichaam en ziel.--Toen wij weer boven waren gekomen, +vroegen wij nadere inlichtingen omtrent den kluizenaar, die langer +dan elf jaar in dit onderaardsche hol zou hebben doorgebracht; +wij vernamen nu dat hij van tijd tot tijd uit zijn graf verrijst, +om de kloosterklok te luiden, hout te halen, en zich op de hoogte te +houden van hetgeen er al zoo omgaat. + +Maar deze begeerte naar zelfverloochening openbaart zich ook nog op +andere, minder sombere wijze. In de kloosterhoven van Solowetsk kunt ge +een zonderling wezen zien, in lompen gehuld, zich voedende met afval +en op den grond slapende, die, zonder de gelofte te hebben afgelegd, +toch als behoorende tot de monnikenorde wordt beschouwd. Hij rekent +zijn leven eene verbeurde weldaad, en wijdt zich zelven dagelijks +ten offer. Hij streeft naar de afzichtelijkste verworpenheid, en +wil in zijn eigen persoon de nietigheid en de ellende van al het +aardsche zichtbaar vertoonen. Deze wonderlijke man wordt vooral +door de pelgrims uit de lagere volksklasse in hooge eere gehouden +en bijna als een heilige beschouwd, vader Nikita--zoo heet hij--is +nog geen vier-en-een-halven voet hoog: in Rusland vooral mag hij +dus met recht een dwerg worden genoemd. Een dunne grijze baard, +verwarde haren, een donkerkleurig gelaat, en kleine scherpe +oogen--ziedaar zijn portret. Nooit besmet hij zijn lichaam door +de aanraking met water of zeep; nooit kamt hij zijn haren of zijn +baard: wat toch is de mensch, dat hij zich zou verhoovaardigen op +zijn vleesch? Zijne kleeding bestaat uit vodden en lompen; want hij +versmaadt het betamelijke en warme gewaad van den monnik. Heeft hij +dringende behoefte aan eenig kleedingstuk, dan gaat hij niet naar +het magazijn, maar naar de bergplaats waar de afgedragen kleederen +worden bewaard, en vraagt van den monnik, met het opzicht daarover +belast, de versleten en weggeworpen plunje van een of anderen armen +broeder. In het klooster staat eene cel tot zijne beschikking: maar +ook een houten bank en een strooien peluw zijn nog veel te goed voor +een wezen van stof en slijk; en ten teeken zijner diepe onwaardigheid, +brengt hij den dag door op de kaai, den nacht op de binnenplaats van +het klooster. Nooit heeft hij zich laten overhalen in den reefter +nevens de andere monniken plaats te nemen: kaas, roggebrood, stokvisch +zijn voor hem ongeoorloofde lekkernijen; maar wanneer de maaltijd is +afgeloopen en de tafels afgeveegd, sluipt hij naar de spijskamer, +zamelt de weggeworpen brokken en afgekloven beenderen op, en stilt +zijn honger met hetgeen de boeren en bedelaars hebben laten liggen. + +In de kerk wil hij nooit zijne plaats onder de andere geloovigen +innemen; nimmer wil hij door de heilige-poort gaan. Als de dienst is +begonnen, sluipt hij naar een donkeren hoek der kerk, en luistert, +met het aangezicht op de steenen, naar de gebeden en lofzangen. Het +is hem een genot door de menigte geschopt of vertreden te worden. Hij +maakt zich tot aller dienaar, en is immer gereed elk bevel, door wien +ook gegeven, te volvoeren; ontdekt hij onder de schare een of anderen +schooier, zoo vuil en ellendig dat iedereen hem schuwt, dan zoekt +hij dien verlatene op en groet hem als zijn meester. In den winter, +als de sneeuw in dichte lagen den grond bedekt, slaapt hij op de +binnenplaats in de open lucht; des zomers, als de hitte op het hoogst +is geklommen, gaat hij blootshoofds in de zon liggen. Wie hem bespot, +mishandelt, besteelt, is zijn vriend. Als alle lieden van zijn stand, +is hij verzot op geld: maar juist dezen hartstocht maakt hij dienstbaar +aan de loutering zijner ziel: hij vlecht korfjes van berkenschors, +en verkoopt die, voor twee kopeks het stuk, aan matrozen en pelgrims; +hij wikkelt het kopergeld in een vuillapje of stuk papier, en verbergt +het hier of daar onder een steen, in de hoop dat iemand het zal zien +en het geld zal wegnemen. + + + +Uitnemender nog dan de gave der zelfopoffering, is de gave +der wonderen, en ook deze beweert de zwarte geestelijkheid te +bezitten. Hare wonderen behooren niet tot een ver verleden, maar tot de +geschiedenis van den dag; zij geschieden niet in het verborgen, in een +of anderen vergeten hoek, maar op klaarlichten dag, in groote steden, +ten aanschouwe der gansche wereld. Ook hiervan een paar voorbeelden. + +Seraphim, een koopman van Kursk, verliet zijne vrouw, zijne kinderen en +zijn handel, en werd monnik. Hij trok naar het klooster, de Woestijn +van Sarow genaamd, in het gouvernement van Tambow; daar groef hij +een gat in den grond, waarin hij verblijf hield en overnachtte. Het +gebeurde op zekeren tijd dat dieven hem overvielen; zij sloegen en +mishandelden hem, maar bevindende dat hij niets bezat, begrepen zij +dat zij met een heilige te doen hadden. Weldra ging nu het gerucht +van hem heinde en verre uit; van alle kanten kwamen de geloovigen +hem bezoeken, geschenken medebrengende van brood, kleederen en +geld, die hij allen aannam, om ze vervolgens aan de armen uit te +deelen. Zijne woestijn werd welhaast eene volkrijke plaats, en het +klooster van Sarow werd door het gansche land beroemd.--Op tien +mijlen afstands van zijne eigene kluis, stichtte Seraphim een tweede +klooster voor vrouwen. Van een edelman ontving hij een stuk gronds ten +geschenke; kooplieden gaven hem het noodige geld: want zijne gunst +werd begeerlijker geacht dat het bezit van geld of goed. Schoone en +aanzienlijke vrouwen kwamen hem bezoeken; zij namen haar intrek in +het huis, dat hij voor haar had gesticht, en waar zij van de wereld +afgezonderd konden leven, zonder zich door de kloostergelofte voor +altijd te verbinden. Eindelijk gebeurde er een wonder. Eene lamp, +die voor eene beeltenis der Heilige-Maagd hing, ging plotseling uit, +terwijl Seraphim op den grond lag geknield; het werd duister in de +kapel; de pelgrims voelden zich onthutst; toen eensklaps, tot verbazing +van allen die het zagen, een lichtstraal van de schilderij uitgaande +de lamp weder deed ontbranden!--Een tweede wonder volgde spoedig. Op +zekeren dag stond eene schare armen voor Seraphim's cel; wachtende +op brood. Hij zag zijn voorraad na, en bespeurde dat hij maar twee +brooden had: wat zou hij met twee brooden aanvangen tegenover deze +hongerige schare? Hij riep tot God--en zie, twintig brooden lagen op +zijne tafel! Sedert ging er geen jaar voorbij, zonder dat er een of +ander wonder te Sarow gebeurde; de voorbeelden van genezing waren +talrijk; en voor zijne cel verdrongen zich kreupelen en blinden, +dooven en stommen, om door hem verlost te worden van hunne kwalen. + +Seraphim stierf in 1833; toch geschieden er nog voortdurend wonderen op +zijn graf, tot op dezen dag. Reeds door het volk heilig geacht, wacht +hij zijne plechtige canonisatie nog slechts van de kerk. Iedere nieuwe +keizer maakt een heilige, zooals in Turkije iedere nieuwe sultan een +moskee bouwt; en de publieke opinie wijst Seraphim aan als den man, +die zijne heiligverklaring van Alexander III wacht. + +Nog beroemder is Tikhon, weleer bisschop van Woronesj, thans een +erkende heilige van de orthodoxe kerk: Tikhon is de officiëele heilige +van de tegenwoordige regeering; hij dankt zijne canonisatie aan den +regeerenden keizer. + +Timotheus Sokoloff, de zoon van een armen voorlezer in eene dorpskerk, +werd in het jaar 1724 in de provincie Nowgorod geboren, die aan +Rusland zoo vele heiligen geschonken heeft. De voorlezer had een +groot gezin en een gering inkomen. Timotheus werd al vroeg bij een +boer op eene naburige hoeve in dienst gedaan. Des daags op het veld +arbeidende, des nachts in de schuren toevende, weinig slapende en +nog minder etende, wist hij toch gelegenheid te vinden om lezen en +schrijven te leeren. Hij werd nu naar eene pas geopende school te +Nowgorod gezonden, waar hij zoo ijverig leerde en arbeidde, en zoo +groote vorderingen maakte, dat hij, na afloop van zijn leertijd, tot +onderwijzer bij die school werd benoemd. Maar zijn hart was niet bij +het onderwijs. Reeds als kind was het zijn lust, gewijde liederen te +zingen, de mis bij te wonen, alleen te zijn met zijne boeken; mitsdien +vermeed hij zooveel mogelijk den omgang met menschen en schuwde hij de +vermaken der jeugd. Een gezicht bepaalde zijne keus voor zijn volgend +leven. "Toen ik nog onderwijzer in de school was,--zoo verhaalde +hij later aan een vriend--placht ik geheele nachten op te zitten, +lezende en peinzende. Op zekeren nacht in Mei, begaf ik mij naar +buiten. Het was prachtig weder, en een heldere, onbewolkte lucht. Ik +zag naar de fonkelende sterren, en heilige gedachten van eeuwig leven +en hemelsche heerlijkheid rezen in mijne ziel op. Plotseling opende +zich de hemel voor mijn blik: een gezicht, in geen menschelijke taal +weder te geven. Mijn gansche hart werd als van zaligheid overstroomd; +en van dat oogenblik kende ik geen vuriger begeerte dan de wereld +te verlaten." + +Weinige jaren nadat hij de monnikspij aangetogen en zijn wereldlijken +naam Timotheus voor dien van Tikhon verwisseld had, werd hij uit zijne +nederige cel geroepen om den bisschoppelijken zetel te bestijgen, eerst +te Nowgorod, later te Woronesj. Het bisdom van Woronesj, aan de grenzen +der tartaarsche steppen gelegen, had eene zeer eigenaardige, half wilde +bevolking: Kozakken, Kalmukken, Malo-Russen: een wonderlijk mengelmoes +van allerlei stammen, die een zwervend leven leidden, lui, roofzuchtig, +aan dronkenschap en onmatigheid ten prooi. De geestelijkheid was +misschien nog dieper gezonken dan de leeken. Woronesj bezat geene +scholen; de popen konden ter nauwernood lezen; de heilige dienst +werd slecht en oneerbiedig afgeraffeld. De geheele bevolking was +in allerlei zonde en ongerechtigheid verzonken. Tikhon aanvaardde, +met zeldzamen moed, den strijd tegen deze overmacht des kwaads, en +tastte het in den wortel aan, beginnende met de geestelijkheid. Ten +einde den priesterlijken stand te verheffen, en hen die zich daarvoor +voorbereidden, achting voor zich zelf in te boezemen, verbood hij het +gebruikelijke geeselen op de seminariën. Deze hervorming was slechts +een voorteeken van hetgeen volgen zou. Langzamerhand wist hij door +leer en voorbeeld zijne geestelijkheid te bekeeren; hij noopte hen als +priesters te leven, alle onmatigheid en ongerechtigheid te schuwen, +en zich als ware dienstknechten Gods te gedragen. Binnen twee jaren +hervormde hij de scholen en zuiverde hij de kerk. Met niet minder zorg +waakte hij over de hem toevertrouwde kudde; ook daar ging hij het kwaad +te keer. Meermalen moest hij harde woorden spreken: maar zoo groot was +de eerbied, dien allen voor den goeden, ernstigen bisschop gevoelden; +dat niemand zijn gebod dorst te overtreden. "Gij moet doen wat Tikhon +u zegt," spraken de burgers en landlieden menigmaal tot elkander; +"anders zal hij u bij God verklagen." De bisschop zelf ging allen +voor. Hij kleedde zich zoo eenvoudig mogelijk; hij gebruikte de meest +alledaagsche spijzen; de wijn werd onaangeroerd van zijne tafel naar +de zieken gezonden. Hij was de vriend der armen, en ging alleen dan de +rijken bezoeken, wanneer geen ellendigen of ongelukkigen zijne hulp +behoefden. Het geheim van Tikhon's macht lag in zijn onberispelijken +wandel, in zijne medelijdende teederheid, in zijn edel liefhebbend +hart:--trouwens, waar elders schuilt de macht van alle waarlijk edelen +en goeden, van alle echte volgelingen des Heeren? "Gebrek aan liefde, +placht de waardige herder te zeggen, is de oorzaak van al onze ellende; +hadden wij onze broeders hartelijker lief, het zou ons lichter vallen +smart en moeite te dragen; de liefde weet alle leed en alle pijn te +verzachten en te genezen." + +Zoo leefde hij twee jaren in Nowgorod, vijf jaren in Woronesj, tot een +zegen voor allen, die hem leerden kennen: toen werd de begeerte naar +afzondering hem te sterk. Hij legde den herdersstaf neder, verliet +zijn bisschoppelijk paleis, en trok zich terug in het klooster van +Zadonsk, eene kleine stad aan de Don, waar hij zich onledig hield +met schrijven en het bezoeken van armen. Maar ook nu was zijn arbeid +gezegend en rijk aan gevolgen: Tikhon was een der eersten, zoo niet de +eerste, die openlijk optrad als voorspraak en pleitbezorger voor de +lijfeigenen. Vijftien deelen van zijne hand hebben het licht gezien; +naar men zegt, zijn er nog vijftien deelen in handschrift aanwezig; +en sommigen van deze werken hebben vijftig herdrukken beleefd. Zijne +grootste verdienste als schrijver bestaat wel hierin, dat hij de +vrijlating der lijfeigenen voorzag, voorbereidde en onvermoeid +verdedigde en aanprees. + +Vijftien jaren lang leidde hij het leven van een heilige. Als +vriend en voorspraak der verdrukte lijfeigenen, ging hij op zekeren +dag naar het kasteel van een prins in den omtrek van Woronesj, om +dezen te onderhouden over het ongelijk dat zijn onderhoorigen werd +aangedaan, en hem om Jezus wil te bidden, medelijden te hebben met de +armen. Tikhon zeide ronduit wat hij te zeggen had; de prins maakte +zich boos; het kwam tot vrij hooge woorden, en in een oogenblik van +drift gaf de prins hem een slag in het aangezicht. Tikhon stond op +en verliet het huis; maar toen hij een eind weegs was voortgegaan, +begon hij te begrijpen dat hij zelf verkeerd had gehandeld, niet +minder dan zijn beleediger. Deze man, zoo sprak hij bij zich zelf, +heeft iets gedaan, waarover hij, als zijn drift voorbij is, zich zal +schamen; en wie heeft aanleiding gegeven tot deze booze daad? "Het was +mijne schuld, antwoordde de boetprediker, keerde zich om en ging terug +naar het kasteel. Daar wierp Tikhon zich aan de voeten van den prins, +hem vergeving vragende omdat hij hem tot toorn had geprikkeld en tot +zonde verleid. De prins was, door deze onverwachte verschijning, zoo +getroffen, dat hij zich nevens den monnik op de knieën wierp, diens +handen kussend, en zijne vergiffenis en zegen afsmeekende. Van dien +dag was de prins een ander mensch, door geheel de provincie bekend +en geliefd als een vriend en vader zijner onderhoorigen. + +Tikhon bereikte den ouderdom van tachtig jaren. Voor zijn dood +voorspelde hij aan de broederen van zijn klooster nauwkeurig den dag +van zijn sterven: en deze voorspelling werd letterlijk vervuld. Hij +werd in de kloosterkerk begraven, en weldra stroomden van alle +kanten scharen van bedevaartgangers naar zijne grafstede. Want van +het gebeente des heiligen mans ging kracht uit tot genezing der +kranken: de kreupelen werden gezond, de blinden ziende, de gebogenen +opgericht. De stemme des volks vorderde de heiligverklaring van +dezen vriend der lijfeigenen; en de tegenwoordige keizer, aan die +roepstem gehoor gevende, noodigde de heilige synode uit, het voor +de canonisatie gevorderde onderzoek in te stellen. Eene commissie +werd benoemd; de zaak werd onderzocht; de wonderen worden bewezen; +vervolgens werd het graf geopend. Een geur van bloemen steeg uit de +lijkkist op; het lichaam was ongeschonden, bloeiend en frisch: het +besluit der canonisatie werd geteekend in het jaar 1861, het jaar +der groote emancipatie. Tikhons naam is onafscheidelijk aan dien +maatregel verbonden. + +Maar het grootste wonder uit dien nieuweren tijd, het schitterendst +bewijs der bijzondere bescherming Gods over het heilige Rusland, +is de verdediging van Solowetsk door de moedermaagd, toen de +engelsch-fransche vloot in 1854 de heilige-eilanden bedreigde. + +Zoodra te Petersburg de tijding was ontvangen, dat eene engelsche +vloot naar de Poolzee koers had gezet, werden door het ministerie +van oorlog de gewone maatregelen van tegenweer genomen, voor zoover +dat, in de bestaande omstandigheden, mogelijk was. Zes oude stukken +vestinggeschut, die eene plaats in een museum hadden verdiend, +werden van Archangel naar het klooster gezonden, tegelijk met vijf +artilleristen en vijftig liniesoldaten, uit het invaliden-corps +gekozen. Aan het hoofd dezer krijgsmacht stond een officier, die +echter spoedig overleed, juist toen de engelsche schepen in de +Witte-zee waren gekomen. + +In hun eersten schrik hadden de monniken de kostbare gewaden +en kerksieraden, de charters en edelgesteenten naar de steden +in het binnenland gezonden, vader Alexander, de archimandriet, +had gebeden en bijzondere diensten in de verschillende kerken en +kapellen uitgeschreven; hij zelf bediende de mis voor de graven +van Savatius en Zosimus, in de krypt der kathedraal, en ook voor de +wonderdoende afbeelding der heilige maagd, door Savatius naar het +eiland gebracht. Naarmate de tijdingen onrustbarender werden en het +gevaar naderde, sterkte de archimandriet de broederen door toespraak +en vermaning, hen opwekkende al hun vertrouwen op God te stellen en +van hem alleen de hulpe te verwachten. + +In den morgen van dinsdag, 18 Juli 1854, berichtten de wachters dat +twee fregatten kaap Beluga waren omzeild;--de archimandriet schreef +een driedaagsche vasten uit. De beide fregatten wierpen het anker uit, +op zeven mijlen afstands van de kust:--de archimandriet beval dat +de kloosterklok zou worden geluid voor eene bijzondere dienst ter +eere der Allerheiligste Moeder Gods. Als een der oude hebreeuwsche +koningen, ontdeed hij zich van zijn plechtgewaad, vernederde zich voor +het oog der eerwaarde vaders, en bad voor de graven van Savatius en +Zosimus geknield. Toen nam hij het wonderdoende beeld der Panagia +(de Alheilige, bijnaam der Maagd Maria in de oostersche kerk) van +den wand, en droeg dit in statigen ommegang langs de wallen, gevolgd +door al de monniken. En zie--de beide fregatten lichtten het anker, +en verwijderden zich. + +Echter, daar de schepen in het richting van Kem waren weggestoomd, +bestond er alle reden om te vreezen, dat zij terug zouden komen. De +vaandrig Niconowitsj, die het bevel over de kompagnie invaliden +op zich had genomen, ging op verkenning van het strand uit, twee +drieponders door het zand met zich medevoerende; terwijl een aantal +pelgrims en werklieden zich vrijwillig aanboden om de wacht te +betrekken. Niconowitsj wierp, van zand en graszoden, eene soort +van batterij op, waarachter hij zijn geschut plaatste; ook werden +acht kleine veldstukjes op de torens en wallen geplaatst, waarna de +monniken hunne gebeden hervatten. + +Den volgenden dag werd een donkere rookkolom in de heldere zomerlucht +zichtbaar. De twee schepen, die weldra bleken de _Brisk_ en de +_Miranda_ te zijn, stoomden de baai binnen. De _Brisk_ begon den +aanval: zij vuurde met schroot op het klooster. Het scheelde weinig, of +de archimandriet, die op de kaai stond, ware door een kogel getroffen; +de monniken, verschrikt door het ratelend geschut, vloden naar het +binnenplein, en sloten de heilige-poort achter zich toe. + +Een zekere Drushlewski, een onderofficier, die met tien man en een +kanon in den Weverstoren stond, beantwoordde het vuur der Engelschen; +waarop het fregat, zich naar den toren keerende, dezen de volle laag +gaf. Drushlewski raapte den hem toegeworpen handschoen op; maar +daar hij slechts weinig buskruit had, spaarde hij zijne krachten +en berekende zijne slagen. De _Brisk_ vuurde dertig malen; slechts +driemalen werd het kanon in den Weverstoren afgeschoten. Het laatste +schot deed het engelsche fregat afdeinzen: de kogel was in de zijde +van het schip gedrongen en had een man gedood. + +De nacht werd in gebeden doorwaakt. De archimandriet kuste Drushlewski, +en gaf aan allen, die in de Weverstoren waren geweest, zijn zegen. Toen +de zon aan de kimme verdwenen was, waren de fregatten uit het gezicht; +maar toch was niemand gerust; het gevaar was nog niet geweken. + +De volgende dag, donderdag 20 Juli, was een der grootste heiligedagen +in den russischen kalender: het was de feestdag van Onze-Lieve-Vrouwe +van Kazan: een dag waarop in geheel Rusland geen ploeg door het land +gedreven, geen fabriek geopend, geen school gehouden wordt. Evenals +naar gewoonte, werden, ten half drie in den morgen, de metten in de +kathedraal gezongen; juist was het _Te Deum_ geëindigd, toen een sloep, +de witte vlag voerende, van de _Brish_ afstak en naar de kaai voer. Zij +bracht een brief voor den archimandriet, waarbij de overgave van +het klooster werd geëischt, met bepaling tevens dat de bevelhebber +in persoon zijn zwaard moest overgeven, en dat het garnizoen +krijgsgevangen zou worden. De engelsche admiraal Ommaney waarschuwde +den archimandriet, dat wanneer een schot van de wallen werd gelost, +het bombardement onmiddellijk zou beginnen. De archimandriet zeide, +dat hij zijn antwoord aan den admiraal zou zenden. Dit antwoord was +eene uitdrukkelijke weigering om de sleutels van het klooster over te +geven; een pelgrim, Soltikoff genaamd, werd met de overbrenging belast. + +De admiraal las den brief, en verklaarde dat alle verdere +onderhandeling overbodig was, en het bombardement aanstonds zou +beginnen. Met moeite stond hij eenig uitstel toe; nauwelijks had +Soltikoff de heilige-poort bereikt, of de eerste bom vloog over de +wallen van het klooster. Het was nu kwartier over zevenen. Juist +toen de engelsche schepen hun vuur openden, riep de kloosterklok de +monniken ten gebede. Bommen, kogels en granaten daalden in suizende +vaart en met ratelend gerucht, als een hagelbui, op de muren en koepels +neder; rusteloos woedde de verdelgende oorlogsorkaan daar buiten: toch +werd de heilige dienst den ganschen dag door onverpoosd voortgezet, +en zweeg in den tempel de stem des gebeds geen oogenblik! Terwijl de +schare geknield lag, sloeg een bom in den koepel van de kathedraal, +vernielde de houten kap, en deed de zoldering naar beneden tuimelen. De +balken vatten vuur; de gansche kerk werd met rook gevuld; de vensters +rammelden, de deuren vlogen open; het gansche gebouw dreunde en +sidderde op zijne grondslagen;--de ontzette schare wierp zich met het +gelaat op de steenen. Een man alleen behield zijne tegenwoordigheid +van geest. Voor de koninklijke poort staande, riep de archimandriet +zijn kinderen toe: "Blijft! blijft! Weest niet verschrikt; de Heer +zal de zijnen bewaren!"--Opziende, zagen de monniken en pelgrims den +eerwaardigen grijsaard, staande voor het altaar, kalm en onversaagd, +terwijl groote tranen langs zijne wangen biggelden. Dit gezicht +bezielde hen met nieuwen moed. Zij sprongen op, haalden water, doofden +de vlammen uit, ruimden de neergestorte planken en balken weg; en nadat +de kerk gereinigd was, bogen zij zich op nieuw ter aarde en baden. + +Voor de graven van Savatius en Zosimus werd de dienst den ganschen +dag voortgezet. Eenmaal trof een kogel het altaar; de dienstdoende +pope sprong terug; de gemeente boog in ontzetting het aangezicht +ter aarde. Ieder dacht dat zijn laatste uur gekomen was; en in hunne +bekommering vroegen velen om het laatste sakrament. Vader Varnau zette +zich in den biechtstoel, nam de geloovigen de biecht af, en diende +het sakrament toe. De archimandriet was de eerste, die belijdenis +zijner zonden deed, en het lichaam des Heeren genoot. De popen en +andere broeders volgden; toen de pelgrims, de soldaten, de vrouwen, +en nadat allen de absolutie ontvangen hadden, knielden zij neder voor +de altaren en bij de graven van Filippus, Savatius en Zosimus, en in +de kapel der moeder Gods. Inmiddels zweeg de donder van het geschut +niet, en raasde de wilde storm van ijzer en vuur onophoudelijk over +het sidderende klooster. + +Het was middag geworden. Daar luidden nogmaals de kloosterklokken: +de monniken en pelgrims verzamelden zich op den wal en schaarden +zich daar in rijen voor de groote processie. De monniken openden den +langen trein; op hen volgden de pelgrims, daarachter kwamen de vrouwen +en kinderen. Toen zij allen gereed waren, nam de archimandriet de +wonderdoende beeltenis der heilige maagd, die nevens het altaar hing, +en het groote, hoog vereerde crucifix. Het kruis in de rechter, de +madonna met de linkerhand gevat houdende, plaatste hij zich aan het +hoofd der schare en leidde haar langs de wallen, onder het vuur des +vijands. De groote klok luidde, de monniken en pelgrims hieven hun +psalmen aan. Kogels en granaten vlogen snorrend over hen heen; de +muren sidderden; de pannen stoven in splinters van de daken. Nabij +den hoektoren aan het Heilige-meer gekomen, moest de processie +stilhouden: een granaat had den windmolen getroffen en de wieken in +brand gestoken. Psalmen zingende en luide biddende, wachtten allen tot +het vuur was uitgebrand, en vervolgden daarna hun tocht. Een weinig +verder, vloog een bom midden door den muur, steenen, balken en planken +verpletterende en voortslingerende tot midden onder de processie: die +daardoor in tweeën werd gebroken. "Gaat voort!" riep de archimandriet, +met zijn kruis zwaaiende,--en de schare ging voort, altijd voort.--Bij +den Weverstoren gekomen, riep de archimandriet den monnik Gennadius, +en gaf hem het kruis, met last om daarmede in den toren te gaan, +en het beeld des Heilands door de soldaten te doen kussen. + +Thans zou er een wonder geschieden. De processie had den Weverstoren +verlaten, en een open plek bereikt, die zij over moest steken onder +het geweldige vuur des vijands en den vernielenden kogelregen. Geen +menschelijk wezen kon ongestraft dat vuur trotseeren, tenzij dat +eene bovenaardsche macht hem beschermde. Nu zou het geloof dezer +onverschrokken mannen inderdaad op de proef worden gesteld. Een +oogenblik stond de processie stil; maar de aarzeling duurde ook +slechts een oogenblik. De archimandriet, de beeltenis der moedermaagd +opheffende, trad onbeschroomd in die dwarrelwolk van stof en rook; +de monniken en pelgrims, de vrouwen en kinderen volgden, luide hunne +lofzangen zingende.--En zie--de bommen en granaten der engelsche +schepen weken van haar baan, dwarrelden boven de koepels en torens, +en stortten neder in het Heilige-meer achter het klooster. Aller +oogen aanschouwden het wonder; en uit aller harten steeg, met +heilige ontroering, de dank tot onze- lieve- vrouwe, de machtige en +zegepralende Panagia! + +De fregatten hielden af en verwijderden zich, om niet weder terug +te keeren; overwonnen en te schande gemaakt, hoewel niet door +menschelijke macht. Niemand in het klooster had eenig letsel bekomen, +niettegenstaande het woedende bombardement langer dan een halven dag +geduurd had. + +De tijding van dezen onwaardigen en heiligschennenden aanval vloog, als +een elektrieke schok, door het gansche groote rijk, overal de heftigste +gemoedsbewegingen in het leven roepende. De gewaarwording, die de +geloovige Rus bij dit bericht moest ondervinden, laat zich het best +vergelijken met hetgeen in ons gemoed zou omgaan op het vernemen der +tijding dat een of andere turksche pâsha de kerk van het Heilige-graf +te Jeruzalem had laten bombardeeren. Verbazing, verontwaardiging, +woede kookten in aller hart; tot straks de blijde mare kwam dat deze +hemeltergende aanslag was mislukt en geheel te schande gemaakt. Sinds +dat wonderjaar is de glorie van Solowetsk hooger dan ooit geklommen: +eene bedevaart naar het klooster op het Heilige-eiland geldt voor bijna +even verdienstelijk als een pelgrimage naar Bethlehem en het graf des +Heeren. Boeren en landlieden gaven het voorbeeld; monarchen en vorsten +volgden. Alexander III is in bedevaart naar Solowetsk getogen; zijn +broeder Constantijn is hem gevolgd; twee van 's keizers zonen zullen +eerlang denzelfden tocht aanvaarden. Men zegt zelfs dat de keizerin +de gelofte heeft afgelegd, het graf van Savatius te zullen bezoeken, +indien de hemel haar hare gezondheid wedergeeft. + + + +XI. + +DE RUSSISCHE SEKTEN. + + +De vreemdeling, die niet aan den uiterlijken schijn der dingen +blijft hangen, en niet enkel de officiëele waarheid als de alleen +geldende aanneemt, zal weldra tot de ontdekking komen, dat in de +diepte der russische maatschappij vijandige elementen aan het woelen +en gisten zijn: een conflict van vrij wat meer beteekenis, dan de +meer of minder openlijk gevoerde strijd tusschen de wereldlijke +geestelijkheid en de kloosterlingen. Ook in Rusland bestaan er +partijen, die, overeenkomstig den geheelen maatschappelijken toestand +en het standpunt van ontwikkeling, waarop het russische volk staat, +tegelijk een kerkelijk en een staatkundig karakter hebben: sekten +in de eerste plaats, maar tevens ook politieke factiën. Trouwens, +de orthodoxe kerk is eene staatsinstelling, waarvan de keizer het +erkende hoofd is; wie zich dus van haar afscheidt, keert zich tegelijk, +in meerdere of mindere mate, tegen de regeering zelve. + +Keizer Nikolaas wilde er niet gaarne van hooren, dat een zijner +onderdanen van zijne kerk afvallig was geworden; hij trachtte zich +het onaangename feit, dat er toch werkelijk dissidenten waren, zooveel +mogelijk te ontveinzen; vooral het naar buiten geheim te houden. Nu, +wat de meester niet wilde vernemen, trachtten de ministers ook niet te +zien. De tsaar beroemde er zich gaarne op, dat millioenen Muzelmannen, +Joden en Boeddhisten in vrede onder zijn schepter leefden; maar dat +een zijner eigene landgenooten zich veroorloofde in godsdienstige +overtuiging met den keizer te verschillen, stond in zijne oogen bijna +met oproer en hoogverraad gelijk. De kerk had nu eenmaal vastgesteld +wat ieder te gelooven had, den eenigen weg afgebakend om aan het eeuwig +verderf te ontkomen: daaraan moesten nu ook allen zich houden. Had +de keizer zelf niet gezworen, dat hij dit geloof zou eerbiedigen en +handhaven? Zoolang Nikolaas leefde, behoorde het in het Winterpaleis +tot den goeden toon, niet meer aan het bestaan der vroegere sekten te +gelooven: men deed het voorkomen, alsof zij allen verdwenen waren, en +er in het gansche rijk inderdaad niet meer dan ééne christelijke kerk +bestond. Misschien is keizer Nikolaas de eeuwigheid ingegaan, zonder +ooit de waarheid te hebben vernomen omtrent die vele duizende menschen, +die, naar het heette, voor zijne ongenade als versmolten waren. + +Intusschen won, buiten het Winterpaleis en de officiëele kerkelijke +kringen, de afscheiding in kracht en tal, gedurende de geheele +regeering van den tsaar. Ongetwijfeld keerden enkelen in den schoot +der orthodoxe kerk terug--maar door geweld gedwongen. Doch dergelijke +maatregelen mogen sommigen ontrouw doen worden aan hun geloof: +zij, voor wie dat geloof waarlijk ernst, eene zaak des harten was, +waren op deze wijze niet te winnen, al moesten zij bittere tijden +doorleven. Eene godsdienstige overtuiging wordt niet waarlijk +overwonnen door het bestormen van de bedehuizen harer belijders; +en de dertigjarige vervolging heeft niet anders uitgewerkt, dan +dat de dissidenten heden ten dage talrijker, welvarender, vaster +aaneengesloten zijn, dan toen keizer Nikolaas den troon beklom. + +Niemand in geheel Rusland zal durven beweren, dat hij de namen, +het aantal aanhangers en de bijzondere geloofsartikelen van al deze +sekten kent; veel minder, dat hij iets weet van haar ontstaan en +verborgen ontwikkeling. Niet alleen wordt alles wat de _raskol_, de +afscheiding, betreft, zooveel mogelijk geheim gehouden: maar ook de +sekten zelf hullen zich zooveel zij kunnen in het duister. Volgens den +minister van politie splitsen zij zich in vier hoofdgroepen, te weten: +I de _Doukhobortzis_ of _Pneumatomaken_, worstelaars van den geest; +II de _Malakhanys_, melkëters; III de _Khlystis_, geeselaars en IV +de _Skoptzis_, eunuken of gesnedenen. [1] + +Het is misschien niet gemakkelijk, het in opzettelijke zelfmisleiding +verder te brengen, dan in deze officiëele lijst geschiedt. Vier +groepen alzoo, en niet meer? Maar de waarheid is, dat de russische +_raskolniken_ (dissenters, afgescheidenen) zich wel in honderd +sekten verdeelen. Ook de rangschikking is zonderling, en berust op +geen enkelen redelijken grond. De _Worstelaars van den geest_, die +het eerst worden genoemd, zijn noch eene oude, noch eene machtige +sekte. De _Melkëters_ zijn van lateren oorsprong dan de _Geeselaars_ +en de _Gesnedenen_; ook dragen deze beide laatste sekten een geheel +ander karakter dan de beide eerstgenoemden, die, in sommige opzichten, +met de Methodisten en Puriteinen zijn te vergelijken. De Khlystis zijn +niet zoo talrijk als de Skoptzis, hoewel zij hoogstwaarschijnlijk de +Doukhobortzis in aantal overtreffen. + +De oorsprong der Khlystis moet wellicht in de dertiende of veertiende +eeuw worden gezocht; niemand schijnt daarvan met juistheid iets te +weten; volgens sommigen zou de sekte in de eerste jaren van tsaar +Alexis Michaelowitsch, dat is dus omstreeks de helft der zeventiende +eeuw, zijn ontstaan. Zij zelf noemen Christus als de stichter hunner +sekte. De Skoptzis zijn nog ouder; zij zijn zeer talrijk en over het +algemeen zeer vermogend, maar houden zorgvuldig alles wat hun geloof en +hunne gebruiken betreft, geheim. Zij noemen zich zelf _Beliegolubis_, +witte duiven, en gelooven, naar het schijnt, aan eene voortdurende +incarnatie van Christus: een dezer laatste verschijningen van den +Heiland was, volgens hen, tsaar Peter III, dien zij allen bijzondere +eer bewijzen. + +Doch deze vier groepen zijn, heden ten dage, niet meer de +belangrijkste; wel bestaan zij nog altijd, komen voor in officiëele +lijsten en verslagen, worden besproken in boeken en verhandelingen; +maar zij zijn, in zekeren zin, historische sekten, die tot een +vroegeren tijd behooren, en voor wie, zooals het gaat, de tijd van +aanvallende propaganda grootendeels voorbij is. De altijd werkzame +schismatieke geest gaat nog voortdurend voort, zich in andere, +nieuwere vormen te openbaren. Naarmate het onderwijs algemeener wordt, +vermenigvuldigen zich de sekten. Een pope zeide eens tot mij: "Hetgeen +in onzen tijd gebeurt, verbaast en bedroeft mij. Ik wil gaarne van +deze eeuw het beste denken: maar het is mijne doorgaande ervaring, +dat zoodra een boer kan lezen en voor zich zelf begint te denken, +hij onvermijdelijk een ketter wordt."--Er heerscht in de russische +maatschappij, in de russische kerk, eene sterke beweging, eene +machtige gisting: een voorgevoel van de naderende crisis vervult de +gemoederen der menschen met vrees en hoop, met twijfel en dorst naar +zekerheid; het is of allen, in angstige spanning, uitzien naar eene +openbaring van boven, die aan de bestaande onzekerheid en verwarring +een einde zal maken. Vandaar, dat ieder stoutmoedige dweeper of listige +bedrieger, die zich zelf voor een profeet durft uitgeven, aanstonds +eene schare van volgelingen vindt. Deze verschijnselen zijn teekenen +der tijden, die met de diepste bewegingen in de wereld der geesten, +met den historischen ontwikkelingsgang des volks, samenhangen, +en getuigen van bestaande behoeften, die op deze wijze bevrediging +zoeken. De meesten dezer sekten hebben zoowel een politiek als een +godsdienstig karakter. Inlichtingen, die ik in verschillende, ver +verwijderde provinciën van het groote rijk heb ingewonnen, stellen +mij in staat het een en ander mede te deelen omtrent godsdienstige +genootschappen van zoo jongen datum, dat zelfs in Rusland hunne namen +nog ternauwernood bekend zijn. + +In het jaar 1868 vormde zich plotseling in de stad Atkarsk, in het +gouvernement Saratow en in het bisdom van Tsaritzin, eene nieuwe +sekte. Zestien personen scheidden zich van de orthodoxe kerk af, +zonder daarvan kennis te geven aan hun pope; zij stichtten eene +nieuwe godsdienst, en begonnen, op hunne wijze, het Evangelie te +prediken. Heiligenbeelden en altaarstukken beschouwen zij als afgoden; +het brood en de wijn des avondmaals hebben, volgens hen, hun tijd +gehad. Zij zeiden van Christus zelf den last ontvangen te hebben om +te onderwijzen, te prediken, te lijden en eene kerk te stichten. Om +aan die goddelijke lastgeving te voldoen, begaven zij zich naar de +rivier de Wolga, dompelden elkander in hare wateren, namen een anderen +naam aan, en hielden te zamen een plechtig feest. Dit gebeurde midden +in den winter, op asch-woensdag, 26 Februari, toen de wateren van de +Wolga met ijs waren bedekt, waarin gaten gehouwen moesten worden.--Deze +nieuwe apostelen der waarheid geven zich zelf den bescheiden naam van +_kleine-christenen_. Zij hebben geen priesters, geen formulieren, geen +beelden; gebruiken geen hostiën en geen gewijde olie. In plaats van +het gewijde brood, eten zij een soort van koeken, in vorm en omvang +aan een half-stuivers broodje gelijk, die zij als een bijzondere gave +van God vereeren, en waaraan zij allerlei geheimzinnige krachten en +bovennatuurlijke vermogens toeschrijven. + +Zoodra de bisschop van Tsaritzin van deze beweging onder zijne kudde +hoorde, richtte hij een schrijven aan graaf Tolstoï, den minister +van onderwijs, die aanstonds zijne bevelen zond naar de plaatselijke +politie. De nieuwe sektarissen moesten nauwkeurig worden gadegeslagen; +geen indompelingen in het ijs mochten meer worden toegelaten; met +het bakken der gewijde koeken mocht niet worden voortgegaan. Elke +prediking van deze nieuwe leer moest onmiddellijk worden verboden; +de bisschop moest geraadpleegd worden omtrent hetgeen verder tegen de +sektarissen te doen viel. Al deze bevelen werden stiptelijk uitgevoerd; +de politie bereikte ook hier het gewone resultaat van hare ijverige +pogingen: de ketterij der kleine-christenen wint met den dag veld. + + + +Datzelfde jaar 1868 was getuige van de opkomst van nog eene andere +sekte. De gouverneur van Kherson vernam, tot zijne verbazing, dat +eenige boeren in zijne provincie door de politie in hechtenis waren +genomen om de zeker niet alledaagsche reden, dat zij zich veel te goed +en te ordentelijk gedroegen voor lieden van hun stand. Naar men zeide, +dronken die boeren geen sterken drank, vloekten niet, logen niet, +waren niemand iets schuldig, en gingen ook niet ter biecht om den +pope hunne zonden te belijden. Niemand begreep daar iets van; en de +politie, geërgerd dat zij niets ten nadeele van die lieden vinden +kon, nam ze allen met een slag gevangen, zette ze in den kerker, +en berichtte den gouverneur welke vermoedens bij haar waren gerezen. + +Deze al te deugdzame boeren waren broeders, Ratushni genaamd, +woonachtig in het dorp Osnowa, waar zij eenig land in eigendom +bezaten. Osnowa ligt in de nabijheid van een kleine stad, Ananiew +genaamd, waar een eenvoudig burger, Vonsarski, woonde, die ook bij de +politie met een zwarte kool stond aangeschreven, omdat ook hij een veel +te braaf man was voor zijn stand. Vonsarski betaalde zijn schulden, +en brak nooit zijn woord; hij leefde in vrede met zijne vrouw,--en +verscheen nooit ter kerk. Hij werd dus ook gevangen genomen, tot de +gouverneur uitspraak zou hebben gedaan. + +Naar men zegt, had de politie gehandeld op aansporing van de +monniken. Al was er op het oogenblik met grond niets tegen de +gevangenen in te brengen, toch hoopte men dat op het gerucht hunner +gevangenneming, de tongen los zouden worden, en dan wellicht het een +of ander uit zou lekken, waaruit met fatsoen eene niet al te dwaze +beschuldiging tegen deze lieden ware samen te stellen. + +De Ratushni's en Vonsarski stonden bekend als verlichte mannen; +men wist ook dat zij meermalen in aanraking waren geweest met de +hernhuttersche kolonisten in het zuiden van Rusland. Het gaf reeds +ergernis genoeg, dat zij blijkbaar de voorkeur gaven aan de wijze +waarop deze vreemdelingen hunne paarden optuigden en hunne ossen voor +den wagen spanden. Bovendien was er alleszins grond voor het vermoeden, +dat zij geen onbepaalde bewonderaars waren van de organisatie der +landelijke gemeenten, maar een ander stelsel wenschten, dat meer ruimte +liet voor de betooning van rechtvaardige en waarlijk godsdienstige +onderlinge liefde en behulpzaamheid. Men gaf hun om die reden den +naam van _Helpers_. Maar hun voornaamste misdaad was toch altijd +hunne minachting voor de kerkelijke ceremoniën, en hun zucht voor +huiselijke godsdienstoefening, zonder inmenging van den pope. + +De gouverneur van Kherson aarzelde geen oogenblik wat te doen: +hij liet de gevangenen aanstonds in vrijheid stellen. De monniken +beschuldigden hem nu van medeplichtigheid aan ketterij, en noemden +hem een scheurmaker; maar hij wees hen op paragraaf elf van de +keizerlijke ukase betreffende de dissenters, waarin met zoovele +woorden te lezen staat dat ieder mag gelooven wat zijn geweten hem +gebiedt, en deswege geen overlast zal lijden, zoolang hij door zijne +pogingen om anderen te bekeeren geen onrust en ergernis verwekt. De +prins voegde er de vermaning bij, dat de geestelijkheid, indien zij +hare roeping waardiglijk wilde vervullen, zich beijveren moest om de +afgedwaalde schapen weder tot de kudde terug te voeren. + +In de omstreken van Kazan hoorde ik voor het eerst spreken van een +nieuwe sekte, die in het gouvernement Wjatka was ontstaan, en der +regeering vele moeilijkheden dreigde te veroorzaken. De aanhangers +dezer sekte waren arme boeren, die zich verbeeldden dat zij een +aangeboren recht op den grond hadden, en het dus eene ongehoorde +tyrannie was, van hen de betaling van pacht te vorderen. Het kanton +Mostowinsk, in het district Sarapul, was het tooneel dezer beweging. De +provincie Wjatka, aan de aziatische grenzen gelegen, heeft eene zeer +gemengde bevolking, uit Russen, Finnen, Basjkiren, Tartaren bestaande; +in hare diepe, moeilijk toegankelijke dalen vindt men belijders van +bijna iedere godsdienst: christenen, mohammedanen, boeddhisten, +heidenen; onder allerlei namen en vormen. In deze eene provincie +tieren zeker twintig verschillende christelijke sekten; en daar +alle vreemdelingen en afgodendienaars in dat gouvernement het recht +hebben om door hunne eigene hoofden te worden geregeerd, is het geen +gemakkelijke taak de ketterij in al hare verwarde vertakkingen na te +gaan. Maar eene sekte als deze kon kwalijk verborgen blijven. Willen +zij hun plicht betrachten en hun leeraar gehoorzamen, dan moesten +deze sektarissen voor de wereld optreden, hunne leer bekend maken en +verdedigen: dit was het noodzakelijk gevolg hunner bekeering; en toen +dan ook de tijd voor het betalen der pacht gekomen was, weigerden +zij de betaling. Evenals alle kroonboeren (en deze hervormers waren +allen voormalige kroonboeren) hadden zij hunne woningen en een zeker +stuk land in eigendom ontvangen, onder voorwaarde dat zij, gedurende +zekeren tijd, eene zeer matige rente zouden betalen. Nu weigerden +zij dit en wel om godsdienstige redenen. + +De gouverneur van Wjatka, hierover ongerust, schreef naar Petersburg +om nadere instructies. Hem werd gelast, een onderzoek in te stellen, +de leiders gevangen te nemen; en zorgvuldig te waken tegen elk +begin van verzet of oproerigheid. Ongeveer tweehonderd wanbetalers +werden door de politie gevangen genomen, in afdeelingen gesplist en +ondervraagd. Eenigen werden, op voorspraak van den gouverneur, weder +ontslagen; maar toen ik Kazan verliet, waren drie-en-twintig dezer +wanbetalers nog altijd in de gevangenis. Men kon hun maar niet aan +het verstand brengen dat zij dwaalden; zij wilden zich niet verbinden, +hunne leer niet verder te verspreiden; en, wat nog het ergste van alles +was, zij bleven hardnekkig de voldoening der op hun land klevende rente +weigeren. Wat moet een praktisch staatsman aanvangen met lieden, die, +uit gemoedsbezwaren, de betaling van belasting en pacht weigeren? + + + +Bij mijne komst in de provincie Simbirsk had ieder den mond vol +van een zonderlinge soort van lieden, wier bestaan eerst onlangs +was ontdekt. Een zekere Peter Mironoff, een gewoon soldaat, had zich +opgeworpen als stichter eener nieuwe godsdienst, waarvan de belijdenis +en gebruiken zeer geheim moesten worden gehouden, en die zelfs geen +naam droeg. Deze Peter stond als een braaf, oppassend man bekend; +hij was vroom, ernstig, ordelijk en betamelijk in zijn gedrag; +als soldaat ontbrak hij nooit bij de exercitiën; als biechteling +gaf hij zijn pope nimmer reden tot klachten. Niemand verwachtte van +hem iets bijzonders. Naar men zegt, begon hij met veertien zijner +makkers te bekeeren, die zich allen bij eede verbonden, dat zij +de hun geopenbaarde waarheid geheim zouden houden; dat zij zooveel +mogelijk alle aanleiding tot achterdocht zonden vermijden; dat zij, +des noods, ballingschap, pijniging en zelfs den dood zouden ondergaan, +maar nooit de geheime leer openbaren. + +Peter, die zelf niets geleerd heeft en dus hoegenaamd geen eerbied +heeft voor boeken, is een verklaarde vijand van alle formulieren, van +alle liturgiën, van alle levensbeschrijvingen der heiligen. Volgens +hem, zijn lezen en schrijven gevaarlijke verleidingen en dwalingen: de +overlevering, door eene levende persoonlijkheid bewaard en verkondigd, +is voor hem de echte bron en toetssteen der waarheid. Hoewel hij +ijvert tegen alle kruisen en beelden, hangt toch een zilveren +heiligenbeeld, op eene zeer zichtbare plaats, in zijne kamer, en +draagt hij voortdurend een koperen kruis om zijn hals. Hij leert +zijn discipelen, dat de ware godsdienst bestaat in een voortdurenden +strijd tegen het vleesch, en schrijft daarom zeer strenge vasten en +onthouding voor. Als zij vasten, moeten zij zich volstrekt van alle +spijze onthouden, om den Heer niet te bespotten; en zelfs wanneer zij +aan de physieke behoeften des lichaams moeten voldoen, behooren zij +toch alle overtollige weelde, als den uitverkorenen niet voegende, te +vermijden, zooals het gebruik van vleesch en wijn, van melk en eieren, +van olie en visch. Hij waarschuwt de jongelieden tegen de zonde van +het huwelijk, en vermaant de gehuwden, met elkander als broeders +en zusters te leven, in reinheid en vrede, zooals de engelen in den +hemel. Volgens Peter is het menschelijk hart vol van goede en kwade +beginselen en neigingen; hij houdt zich overtuigd dat het mogelijk +is, het kwaad door het goed te overwinnen; vasten en bidden zijn de +eenige en ook afdoende middelen om de booze geesten te verdrijven, +die over het vleesch heerschappij voeren. + +De volgelingen van dezen nieuwen apostel verwerpen alle mysteriën +en sacramenten, alle uiterlijke teekenen en symbolen van +Godsvereering. Zij leven in vrede met de wereld, helpen elkander +zooveel in hun vermogen is, en gehoorzamen onvoorwaardelijk aan de +bevelen van eene door hen gekozen heilige maagd: de door de zonde +gevallen mensch kan, naar hunne meening, alleen eene vrouw en maagd +als voorganger en leeraar erkennen. Het ware hoofd der sekte is dan +ook eene boerenvrouw, Anicia genaamd, woonachtig in het dorp Perewoz, +in het gouvernement van Tambow; zij staat niet alleen boven Peter +Mironoff zelf, maar ook boven den Zaligmaker en Sint-Nicolaas. + +De godsdienstoefeningen dezer sekte, die in het geheim, met gesloten +deuren gehouden worden, beginnen en eindigen met gezang, begeleid +door eene eigenaardige soort van kort afgebroken muziek, en vergezeld +van dansen en springen. De vormen der eeredienst zijn gedeeltelijk +aan de moskee ontleent. Zij bidden staande, buigen zich nu en dan +met het aangezicht ter aarde, en onthouden zich van het teeken des +kruises. Evenals alle dissidenten zonder onderscheid, zijn ook deze +sektarissen vijandig gekant tegen den officiëelen staat, niet minder +dan tegen de officiëele kerk. + +Het duurde een geruimen tijd, eer Peter en zijne volgelingen bij de +politie werden aangeklaagd; en nu zij er zich eenmaal mede heeft +gemoeid, en de profeet en de maagd in de gevangenis zitten, weet +de regeering niet best wat te doen. Bijna alle mannen en vrouwen +toch, die beschuldigd werden leden te zijn van deze onwettige en +godslasterlijke sekte, staan in de provincie Simbirsk bekend als +lieden van een onberispelijken wandel. De hoofden der sekte staan +bijzonder hoog aangeschreven, niet alleen als trouwe kerkgangers, +maar zelfs als ijverige medearbeiders der geestelijkheid. Zij die +door de politie op vermoeden werden gevat, waren in den regel in het +bezit van een door den pope afgegeven certificaat, ten bewijze dat +zij regelmatig ter biecht kwamen en hoogtijd hielden. Moeder Anicia, +in haar dorp gevangen genomen, werd ten scherpste ondervraagd; maar +toch men heeft niets tot haar nadeel kunnen vinden. Zij is veertig +jaar oud, en, hoewel sedert negentien jaar gehuwd, nog altijd maagd: +en al hare buren verklaren eenstemmig dat zij een onberispelijk +voorbeeldig leven heeft geleid. Toch geeft de politie de zaak nog niet +op: Peter en Anicia vertoeven nog altijd in den kerker: het proces is +nog steeds aanhangig, en zal hoogstwaarschijnlijk daarmede eindigen, +dat de model-soldaat en de onberispelijke boerin hun verder leven in +een der Siberische mijnen zullen slijten. + + + +Te Moskou verhaalde men mij van een sekte, die zeker wel +de zonderlingste van allen mag worden genoemd: de zoogenaamde +_Napoleonisten_. Hun haat tegen het rijk en de officiëele kerk heeft +hen er toe gebracht, den geduchtsten vijand, dien Rusland in de +laatste tijden gehad heeft, Napoleon I, als een soort van messias, +als een beschermgod van het Slavonische ras, te vereeren. Natuurlijk +dienen zij dit weinig vaderlandslievend geloof geheim te houden; ook +laten zij niemand bij hunne godsdienstoefeningen toe. Toch beweert +men dat zij een vast aaneengeschakeld genootschap vormen, en dat hun +aantal gedurig toeneemt. Zij vergaderen met gesloten deuren, onder +het oog der politie; maar zoovele sekten te Moskou doen hetzelfde, +dat deze omstandigheid op zich zelf niet zoo bijzonder vreemd is. Naar +men zegt, hebben zij in hunne woning een soort van altaar, waarop het +borstbeeld van Napoleon staat, en waarvoor zij nederknielen. Zij houden +zich overtuigd, dat hun messias nog in leven is; volgens hen, zou hij +aan de handen zijner vijanden zijn ontkomen, en van St.-Helena naar +Midden-Azië zijn gevlucht, waar hij nu zijn verblijf houdt te Irkutsk, +nabij het meer Baïkal, op de grenzen van chineesch Tartarije. Vandaar +zal hij te zijner tijd wederkomen, aan de onderlinge twisten der vele +sekten een einde maken, zich aan de spitse van een machtig leger +stellen, en de aanhangers van Satan, dat wil zeggen de regeerende +dynastie en hare dienaren, slaan met de scherpte des zwaards. + + + +XII. + +DE OUD-GELOOVIGEN. + + +Al deze zonderlinge secten en geheime genootschappen zouden weinig +gewicht in de schaal leggen, en hoogstens als merkwaardige uitingen van +deels politiek, deels godsdienstig fanatisme de aandacht verdienen, +indien zij enkel op zich zelf stonden, en niet veelmeer teekenen +waren van een algemeen verspreide kwaal in het groote rijk. Hun aller +gemeenschappelijke levensbodem, waarin zij wortelen, is de felle, +diep verborgen afkeer van de officiëele orthodoxe kerk. + +Buiten Rusland zijn er maar weinig menschen, die kennis dragen van +het bestaan eener andere, populaire kerk nevens de officiëele; en nog +minder is het bekend dat deze beide kerken in rustelooze vijandschap +en bitteren strijd met elkander zijn gewikkeld. Toch mag dit feit +geen oogenblik worden voorbijgezien door ieder, die zich rekenschap +wil geven van de wezenlijke gesteldheid en de ontwikkeling van het +russische rijk. + +De aanhangers dezer populaire kerk zijn de zoogenaamde oud-geloovigen, +dat wil zeggen: zij, die de voorgewende hervormingen van den patriarch +Nikon verwerpen, en de oude, van de vaderen overgeleverde liturgie +hebben behouden. "Gij zult in ons land, zeide een priester van +het oude geloof tot mij, een kerk van Byzantium en eene kerk van +Bethlehem vinden; eene oude leer en eene nieuwe leer; een stelsel +van menschelijke inzetting en een van God gegeven Evangelie." + +Niemand heeft tot dusverre het juiste getal opgegeven van hen, die +als oud-geloovigen zich van de staatskerk hebben afgescheiden. De +regeering heeft somwijlen den schijn aangenomen, als wilde zij hen +als dissenters behandelen; maar nooit heeft men den moed gehad, hen +officieel onder de ketters en sektarissen te begrijpen. Men heeft hen +beurtelings gehaat, gevreesd, gevleid, mishandeld; spionnen hebben hen +bespied; de politie heeft hen in de gevangenis geworpen; ministers +hebben hen door schitterende aanbiedingen pogen te verlokken; maar +nooit heeft men het gewaagd hen te tellen, want de regeering zelve +deinsde terug voor de waarheid, die dan onverbiddelijk aan het licht +zou komen. Een andere en betere geest heerscht tegenwoordig in het +Winterpaleis: men sluit de oogen niet langer voor de werkelijkheid: en +deze groote kwestie--verreweg de belangrijkste van alle binnenlandsche +kwestiën--wordt, met ernst en ijver, naar alle zijden onderzocht +en toegelicht. De regeering is tot de overtuiging gekomen, dat in +Rusland niets van wezenlijk belang tot stand kan worden gebracht, +zonder de medewerking der oud-geloovigen; en bij elken grooten +maatregel treedt, in regeeringskringen, de vraag op den voorgrond: +"Wat zullen de oud-geloovigen daarvan zeggen?" + +Een russische bisschop, die veel in zijn vaderland gereisd had, +verzekerde mij, dat het getal der oud-geloovigen tien à elf millioen +beloopt; een minister van staat schatte hun aantal zelfs op zestien of +zeventien millioen. Een priester van Kèm ging nog verder. "De helft +der bevolking, zeide hij, behoort tot het oude geloof; en zoodra +ons eenmaal vrijheid geschonken wordt, zal drie vierde gedeelte +van het volk tot ons behooren." Voor zoover mijne eigen ervaring +reikt, ben ik geneigd, dien priester gelijk te geven. Een Duitscher, +die dertig jaren in Rusland heeft gewoond en het volk goed kende, +maar, als Lutheraan, vreemd is aan de onderlinge twisten der sekten, +schrijft mij dienaangaande: "Mijne ondervinding heeft mij geleerd, dat, +de bevolking in haar geheel genomen, _vier_ van de _vijf_ menschen òf +nu reeds oud-geloovigen zijn, òf zich de volgende week daarbij zouden +aansluiten, indien zij slechts de zekerheid hadden dat de regeering +hen met vrede zou laten." Dit houd ik voor overdrijving; maar ik word +telkens meer bevestigd in mijne overtuiging, dat de oud-geloovigen het +eigenlijke russische volk zijn; terwijl de orthodoxen weinig anders +zijn dan eene sekte, waartoe het hof, de adel en de geestelijkheid +behooren, en die daarom, voor het oogenblik nog, de macht in handen +heeft. + +Bijna al de boeren in het noorden zijn oud-geloovigen; bijna al de +Kozakken van den Don, de helft der inwoners van Nishny-Nowgorod en +van Kazan, de meeste kooplieden van Moskou, zijn aanhangers van het +oude geloof. In één woord, de voornaamste handelaars en industriëelen, +de aanzienlijkste bankiers, de mannen, die in menig opzicht aan het +hoofd der maatschappelijke beweging staan en aan wie ongetwijfeld de +naaste toekomst behoort, zijn oud-geloovigen. + +Gij wandelt door de straten van Moskou, waar telkens uwe aandacht wordt +getrokken door de edele pracht der bijkans vorstelijke woningen. Gij +vraagt uwen gids: "Aan wien behoort dit huis?"--"Aan Moronzoff.--"Wie +is dat?"--"O, mijnheer, Moronzoff is de rijkste man in Moskou; de +grootste industriëel van Rusland. Vijftigduizend man vinden werk in +zijne fabrieken. Hij is een oud-geloovige." + +"En wie woont hier?"--"Soldatenkoff".--"Wie is dat?"--"Een schatrijk +koopman en een groot industriëel: een van de invloedrijkste mannen +in Rusland. Hij is een oud-geloovige." + +"En van wien is dat paleis daar?"--"Dat behoort aan jonkvrouw +Rokhmanoff. Zij is onze miss Burdett Coutts; misschien niet zoo +rijk, maar vooral niet minder ijverig om goed te doen. Zoo als ge +ziet, bewoont zij een prachtig huis; men vindt er niet minder dan +dertig receptiekamers, voor de ontvangst van gasten. Ook zij is een +oud-geloovige." + +En zoo gaat het voort, van den morgen tot den avond. Gij gaat naar de +bazars:--de meeste en fraaiste winkels zijn van oud-geloovigen; naar de +universiteit:--de meeste beurzen zijn door oud-geloovigen gesticht; +naar de hospitalen:--zij worden grootendeels door oud-geloovigen +onderhouden. De oud-russische deugden--en ook de oud-russische +ondeugden--gij zult ze vinden bij deze oud-geloovigen: niet bij de +maar al te zeer overbeschaafde en ontzenuwde aanhangers der officiëele +eeredienst.--"In Rusland, zeide mij eens een scherpzinnig opmerker, +zijn er verschillende vormen van eeredienst: een ritus voor het paleis, +voor het klooster, voor het kamp; een prachtige en schitterende ritus, +misschien geschikt voor keizers en vorsten, maar zeker niet voor de +arme visschers langs de kusten der IJszee." + +De oud-geloovige is zoowel in zijne godsdienstoefening als in het +dagelijksch leven, hoogst eenvoudig en een voorstander van het oude: +echt conservatief, zoowel in den goeden als in den kwaden zin. Hij +heeft een afkeer van alles wat nieuw is, en omdat het nieuw is: zoowel +van eene synode van monniken, als van eene op vreemden grond gestichte +hoofdstad. Zijne vaderen gebruikten geen suiker in hunne thee: hij +dus ook niet; zij kenden geen gas: de nieuwerwetsche verlichting is +ook hem een gruwel. Het is voor hem voldoende, dat het een of ander +in vroeger tijd aan zijne voorvaderen onbekend was, om het nu ook +onvoorwaardelijk te verwerpen. Deze oud-geloovigen zijn niet minder +vijandig gezind jegens het tegenwoordig regeeringsstelsel dan jegens +de officiëele kerk. De getrouwe Rus behoort voor den regeerenden +monarch te bidden als voor een goed keizer en een goed christen; maar +velen van deze oud-geloovigen willen voor den regeerenden monarch +in het geheel niet bidden. Sommigen willen wel voor hem bidden als +tsaar, maar niet als keizer; doch niemand zal voor hem bidden als +voor een christen. Zij houden zijn recht op de kroon voor minstens +twijfelachtig. Het woord keizer, zeggen zij, beteekent vorst der +duisternis; de dubbele arend is een symbool van den boozen geest; +de autocratische regeering is het rijk van den antichrist. + +De oorsprong dezer groote, diepgaande scheuring in het maatschappelijk +en zedelijk leven des russischen volks valt omstreeks de helft der +zeventiende eeuw, in de dagen van den patriarch Nikon: een man, die +misschien een niet minder beslissenden invloed op het toekomstig +lot van Rusland heeft uitgeoefend, dan de groote tsaar zelf, die, +naar het zeggen der oud-geloovigen, zijn natuurlijke zoon was. + +In de eerste helft der zeventiende eeuw alzoo, landde een man van +middelbaren leeftijd en van een streng somber uiterlijk, aan het +klooster te Solowetsk, om op het graf van den heiligen Filippus +te bidden en een schuilplaats bij de monniken te vragen. Naar zijn +zeggen, was hij de zoon van een boerenarbeider uit een dorp nabij +Nisjny-Nowgorod, zelf ook landbouwer en gehuwd. In zijne jeugd had +hij eenigen tijd in een klooster doorgebracht; en na tien jaren in den +echtelijken staat te hebben geleefd, had hij zijne vrouw overgehaald, +den sluier te nemen en de bruid des Heeren te worden. Hij had haar in +het klooster van Sint-Alexis te Moskou achtergelaten, en zelf zijne +schreden gericht naar het onherbergzame, ijzige noorden. + +Op het eiland Anzersk, waar tegenwoordig de hoeve staat, leefden +destijds eenige kluizenaars, die den vreemden pelgrim in hun midden +opnamen. Daar trok hij het monnikskleed aan, en veranderde zijn +wereldlijken naam in dien van Nikon; maar hij was zoo onhandelbaar +van aard, dat hij weldra met zijn superieur overhoop lag, als vroeger +met zijne vrouw. Eleazar, de stichter van deze kluis, wenschte zijne +eenvoudige kerk van dennenstammen door eene steenen kerk te vervangen, +en toog met Nikon naar Moskou om daarvoor de noodige gelden bijeen +te brengen. Zij twistten met elkander onder weg; zij twistten na +hunne terugkomst. Eindelijk joegen de monniken den lastigen gast +weg; zij zetten hem in eene schuit, gaven hem brood en water mede, +en lieten hem vrij om te gaan werwaarts hij wilde, mits hij slechts +nooit terugkwam. De stroom wierp hem op een rots, in de baai van Onega; +Nikon richtte daar een kruis op, en legde de gelofte af dat hij daar +eene kerk zou bouwen, indien de heilige-maagd hem wilde helpen om +zijne fortuin te maken. + +Op het vasteland aangekomen, werd hij weldra het hoofd van een +gezelschap kluizenaars, die zich aan de oevers van het meer +Kodjeozersk, in de provincie Olonetz, hadden gevestigd. Daar +opende zich voor hem de weg naar macht en aanzien: eene toevallige +omstandigheid bracht hem in aanraking met Tsaar Alexis: en hij maakte +een zoo overweldigenden indruk op dien niet zeer scherpzinnigen vorst, +dat hij binnen weinige jaren alle rangen der kerkelijke hiërarchie +doorliep, en achtervolgens tot archimandriet, bisschop, metropolitaan +en eindelijk tot patriarch werd verheven. + +Nikon, in wien een ondragelijke hoogmoed met sluwe geslepenheid gepaard +ging, nam zich voor, het bestuur der kerk met vaster hand te voeren, +dan zijne zwakke en onbeteekenende voorgangers hadden gedaan. Met +zijne plompe gestalte, zijn grof opgezet gelaat, zijn rooden neus, +zijn doffen blik, had Nikon meer weg van een frieschen boer, dan van +een russischen monnik; maar toch was hij een hartstochtelijk minnaar +van praal en vertooning, en zwol zijn hart van grenzenloozen trots +als hij, in de kathedraal, nevens den tsaar op zijn troon zat. De +half-barbaarsche glans en pracht, die de byzantijnsche geestelijkheid, +zelfs onder de turksche heerschappij, bleef tentoonspreiden, bekoorde +zijn oog en hart; en het werd zijn ijverigst streven, den statigen +en omslachtigen byzantijnschen ritus ook in zijne kerk in te voeren, +zonder te bedenken dat hij, aldus tot de dagen van het oostersche rijk +teruggaande, zich de Grieken in hun smadelijkst verval ten voorbeeld +nam. Zijne eerste maatregelen waren niet ondoordacht. Hij zond eenige +schrijvers naar den berg Athos, die vandaar afschriften medebrachten +van de echte exemplaren der oudste gewijde boeken; deze liet hij in +het slavonisch vertalen, en met de liturgische boeken, die toen in +gebruik waren, vergelijken. Het bleek daarbij, dat in den aangenomen +tekst fouten waren ingeslopen: waarom hij zijn schrijvers opdroeg, +voor hem eene nieuwe uitgave van de Schrift en van de formulieren +te bewerken, waarin de betere lezingen zouden worden opgenomen. Maar +verder reikt zijne verdienste ook niet. Nikon verstond geen grieksch; +dit belette hem evenwel niet, toen de nieuwe bewerking, over welker +verdiensten hij natuurlijk niet oordeelen kon, voltooid was, dit boek +met gezag aan de kerk op te leggen. De kerk opperde bedenkingen: Nikon +riep de hulp van den tsaar in. De priesters verzetten zich tegen deze +inmenging van het wereldlijk gezag: Nikon leverde de weerspannige +geestelijkheid over in handen van de politie. Alexis stond hem met +al zijne macht bij, om zijn plan te helpen verwezenlijken. Toch +stuitte men op een fellen tegenstand, niet alleen in de steden en op +het platte land, maar ook in den regeeringsraad, in de kloosters, +in de kerk. De boeren en de popen waren al even weinig ingenomen +met de veranderingen, die hij wilde maken. De formulieren waren oud +en eerwaardig; hunne taal klonk als muziek in aller oor; de woorden +zelf schenen bijna goddelijk; sinds onheugelijke tijden waren deze +boeken bij de heilige dienst gebruikt; twintig geslachten waren +volgens deze liturgie gedoopt, gehuwd en teraardebesteld... Waarom +moesten deze heilige boeken nu eensklaps worden weggeworpen, en door +anderen, van vreemd maaksel bovendien, vervangen? Nikon beweerde wel +dat de nieuwe beter waren: maar hoe kon hij dat weten? De patriarch +was nu juist geen kritikus; velen betwistten hem zelfs den naam van +een geleerd man. In plaats van nu langzamerhand, door overreding en +zachte middelen, de lieden voor zijne hervormingsplannen te winnen, +voerde hij al deze nieuwigheden plotseling en met geweld in. Zelfs +bleef het nog niet bij zulke tekstveranderingen: hij veranderde +ook den ouden vorm van het kruis; hij raakte aan de sacramenten; +hij voerde eene nieuwe wijze van zegening in en wijzigde de teekenen +op het gewijde brood. Op bevel van den tsaar, die de ver strekkende +gevolgen van deze maatregelen niet kon overzien, werden nu deze nieuwe +formulieren, deze nieuwe liturgie en geheel deze nieuwe ritus in alle +kerken en kloosters van het gansche land ingevoerd. De kerk van Nikon +was van nu voortaan de officiëele Staatskerk. + +De meerderheid des volks en der geestelijkheid bleef evenwel aan de +overgeleverde liturgie getrouw, en verzette zich standvastig tegen alle +nieuwigheden. Dit was vooral het geval op het platte land, en met name +in de noordelijke provinciën, waar de invloed van het hof zich maar +weinig deed gelden. Ook de kloosters boden aanvankelijk tegenstand, en +vooral het groote klooster in de Witte-zee. Toen de nieuwe formulieren +van Nikon te Solowetsk bekend werden, waren de broederen eenstemmig +in hun besluit om ze te verwerpen. De archimandriet alleen, die +zich door zijn officiëel karakter gebonden achtte, koos partij voor +den patriarch en den tsaar; maar de broeders zetten hun onwilligen +archimandriet in eene boot, en voerden hem naar Kèm. Daarop riepen +zij het kapittel te zamen, en kozen twee uit hun midden, Azaria en +Gerontius, wien zij de leiding van de huishoudelijke aangelegenheden +des kloosters opdroegen. Al de Kozakken in het fort voegden zich +bij hen; en bijgestaan door de bewoners der nabijgelegen kust, die +met hen eenstemmig dachten, volhardden de monniken van Solowetsk, +gedurende meer dan tien jaren, in hun gewapend verzet tegen de +officiëele kerk. Alleen het verraad bracht hen eindelijk ten onder. De +orthodoxe schrijvers, die deze gebeurtenissen verhalen, verzekeren dat +de belegeraars, toen zij zich eindelijk van Solowetsk meester maakten, +stiptelijk de wetten van den oorlog in acht nemen. Alleen diegenen, die +met de wapens in de hand gegrepen werden, werden terdoodgebracht; de +anderen werden in vergelegen kloosters overgeplaatst, waar zij bleven, +tot zij zich aan het wettig gezag onderworpen hadden. Maar de visschers +en landlieden langs de kusten der IJszee bezitten nog oude boeken, +waarin de zaak eenigszins anders wordt voorgesteld. Een oude landman +haalde eens zulk een boek uit een verborgen put onder den vloer zijner +keuken te voorschijn, en wees mij een passage in rooden en zwarten +inkt, waar te lezen stond dat al de monniken in het weerspannige +klooster tot den laatsten man om het leven werden gebracht. + +De zegepraal der belegeraars was voor de natie een groot verlies. Deze +overwinning verdeelde de russische kerk in twee vijandige partijen, +en de treurige triomf van Nikon heeft waarschijnlijk nog niet +al zijne vruchten gedragen. Sinds dien noodlottigen dag staat +de eene helft van het volk in vijandschap tegenover de andere; +de staatsgodsdienst is in de oogen van millioenen eene gruwelijke +ketterij, en de gemeenschappelijke souverein het opperhoofd eener +vervolgzieke synode van monniken. Ook in andere opzichten droeg Nikons +werk zeer wrange vruchten. De russische kerk werd van hare vrijheid, +en daarmede van hare levenskracht, beroofd; al zeer spoedig loste zij +zich op in den staat, en verving het wereldlijk gezag de plaats der +kerkelijke overheid. Nauwelijks was Nikon ten grave gedaald, of het +patriarchaat werd afgeschaft; de keizer trad op als het wettig hoofd +der kerk, die welhaast niets meer was dan eene staatsinstelling, een +deel der regeeringsmachinerie. Het ideaal, waarnaar het absolutisme +altijd heeft gestreefd, en waarnaar het in onze dagen met vernieuwden +ijver streeft: de vereeniging van geestelijk en wereldlijk gezag +in ééne hand, de volstrekte onderwerping der kerk aan den staat, +onder welke schoonschijnende, huichelachtige leuzen ook aanvankelijk +vermomd;--dit ideaal werd in Rusland bijna bereikt. Met welk gevolg, +weet ieder, die de russische maatschappij van nabij heeft gadegeslagen; +en wij zouden wel wenschen, dat zij die zich in oprechtheid vrienden +der vrijheid wanen, en, de beteekenis van den strijd onzer dagen niet +doorziende, partij kiezen voor den staat tegen de kerk, een weinig +meer acht gaven op de les, die hier zoo duidelijk voor ieder spreekt. + +De orthodoxe kerk is sedert eene staatskerk, in den slechtsten zin +des woords, geworden: zij heerscht over de gewetens, breidt hare +grenzen uit en verdrukt de dissidenten, bij dit alles geholpen en +gesteund door den wereldlijken arm. Heerschzuchtig en onverdraagzaam, +verbiedt zij de lezing van den bijbel, het zelfstandig onderzoek, +de vrijheid der gedachte, zonder zelf eenig teeken van leven of +ontwikkeling te geven. De oud-geloovigen op hun beurt ondervinden +evenzeer de nadeelige gevolgen der afscheiding: niet enkel door de +vervolgingen, waaraan hunne "onbekeerlijkheid" hen steeds blootstelt, +maar nog meer door de afzondering, waarin zij noodwendig geplaatst +zijn. Door dit isolement toch werden zij er van zelf toe gebracht, +hunne goede eigenschappen te overdrijven, en een buitensporig gewicht +te hechten aan oude gebruiken en oude formulieren. Zij leven in eene +eigenaardige verouderde wereld, vreemd aan de begrippen, de denkbeelden +en behoeften van den nieuweren tijd, dien zij niet begrijpen, en +daarom ook niet waardeeren of liefhebben. Volgens hunne strenge +eenzijdige begrippen, begon de heerschappij van den antichrist met +Nikon: sedert dien tijd draagt alles wat in het land geschiedt den +stempel van onwaarheid en ontrouw. + +Evenals de jood en de muzelman, zoo is ook de oud-geloovige, althans +een van de strenge richting, dadelijk op het eerste gezicht kenbaar. Ik +stond eens met een mijner russische bekenden op de binnenplaats van een +posthuis, waar eenige pelgrims bezig waren met eten en drinken. "Zie +dien man daar" zeide mijn vriend, "dat is een oud-geloovige." + +"Waaraan ziet ge dat?" + +"Zie maar, hoe hij met verachtelijk schouderophalen de aardappelen +uit zijn schotel wegwerpt. Dat is een teeken. Ook gebruikt hij geen +suiker bij zijn thee; een tweede teeken. Hoogstwaarschijnlijk zal +hij ook niet rooken." + +"Zijn dat dan alle kenmerken van een oud-geloovige?" + +"Ja; althans in deze noordelijke streken. Te Moskou, Nisjny en Kazan +is men minder nauwgezet--vooral wat het drinken en rooken betreft; +de kozakken van den Don zijn op die punten nog ruimer van geweten." + +"Zijn die kozakken ook oud-geloovigen?" + +"Bijna allen; maar onder de regeering van Nicolaas werden geen +pogingen gespaard om hen te bekeeren; en aangezien deze kozakken +aan de krijgswet onderworpen zijn, stonden hun officieren allerlei +middelen ten dienste om hen te dwingen zich aan den wil des keizers te +onderwerpen. De hetmans schikten zich naar het geloof van den tsaar; +van de minderen lieten er velen zich overhalen om eene officiëele +mis bij te wonen. Maar de meerderheid bleef onverzettelijk, en +menige fiksche jonkman uit het land aan den Don is naar den Kaukasus +uitgeweken, liever dan zijn voorvaderlijk geloof te verloochenen. Ook +bij de kozakken moet ge u niet, door den schijn laten bedriegen: +want ondanks de ijverige pogingen van popen en politiedienaren, is de +grootste helft der kozakken aan hunne oude liturgie getrouw gebleven; +en de vrees van hen, door te sterke pressie, tot verzet te prikkelen, +heeft in den laatsten tijd de regeering bewogen, meer verdraagzaamheid +in acht te nemen." + + + +XIV. + +DE WEGEN.--IN HET WOUD.--RUSSISCHE DORPEN. + + +Hij, die gewoon is op reis niet meer dan het volstrekt noodige mede +te nemen, zal op zijne tochten door Rusland dikwijls in verlegenheid +geraken, vooral als zijn weg hem door de wouden of de steppen voert. De +toebereidselen voor een reis zijn hier een zaak van groot gewicht en +van veel overleg. De reiziger heeft te zorgen voor allerlei dingen, +waaraan hij in andere landen niet behoeft te denken: kaarsen en +kussens, messen en vorken en honderd andere zaken. Twee artikelen +bovenal kan hij niet ontberen--een bed en een samovar (trekpot). + +Mijn weg van de IJszee tot de zuidelijke hellingen van den Oeral, +en van de straat van Jenikale tot de golf van Riga, loopt over land +en meer, over heuvel en heide, door het woud en de steppen. Ik moet +mij daarbij afwisselend bedienen van alle middelen van vervoer, die +in het land in gebruik zijn: droshkis, wagens, schuiten, tarantassen, +stoombooten, sleden en spoorwegen. Van Solowetsk voer ik naar Archangel +met de boot, die de benoodigdheden voor het klooster haalt. Vader +Johannes was zelf aan boord; het was fraai weder; de overtocht werd +in den bepaalden tijd volbracht. Van Archangel naar Wietegra, een +afstand van achthonderd wersten, heb ik vijf á zes dagen en nachten +met postpaarden te rijden door een onmetelijk woud van beuken en +dennen. Hier beginnen mijne tribulatiën. Eerst, gehaspel met de politie +over mijn _podorodjna_, een soort van pas, door de politie afgegeven, +en waarbij den reiziger het recht wordt toegekend om, tegen een +bepaalden prijs, aan de posthuizen paarden te vorderen. Men begrijpt +niet, waarom ik niet, als iedereen, met een boot de Dwina opvaar, in +plaats van door een land te trekken, waar haast geen wegen zijn. Mijn +antwoord, dat ik het dorp Kholmogory, de geboorteplaats van den dichter +Lomonosoff, wil bezoeken, bevredigt de politie maar half. Wat is +daaraan te zien? Eindelijk echter geeft zij toe: de pordorodjna wordt +geteekend. Nu komt de tweede vraag--die van het voertuig: een wagen, +een kar of een slede? Er zijn geen diligences: niets dan een karretje, +juist groot genoeg om een brievenzak en een knaap te bergen, en dat +tweemaal in de week naar de hoofdstad vertrekt. Niemand anders dan +de postillon kan daarvan gebruik maken; de vreemdeling moet dus zelf +voor een vervoermiddel zorgen: en zijne keus is beperkt tot een kar, +eene tarantasse of een slede, welke laatste natuurlijk alleen in den +winter bruikbaar is. Ik kies de tarantasse. + +Een tarantasse is een beter soort kar, voorzien van een slijkbord, een +kap en een trede. Zij heeft geen veeren; want veeren zijn onderhevig +aan breken: en wanneer dit ongeval u overkwam in een streek, waar +ge mijlen en mijlen in den omtrek geen enkele menschelijke woning +vindt, zou de ramp onherstelbaar wezen. De eenvoudige bak rust +op balken, ruwe pijnstammen, van de takken en bladeren beroofd, +met de bijl gehouwen, en bevestigd aan de assen van twee paar +wielen, die negen of tien voet van elkander verwijderd zijn. Een +lederen huif en kap beschermen eenigszins tegen den regen: niet veel +echter, want de snijdende windvlagen en geweldige stortbuien dringen +overal door. Het aartsvaderlijke voertuig is licht en luchtig; noch +voor de vervaardiging, noch voor de herstelling wordt bijzondere +kunstvaardigheid vereischt. Het kan wel gebeuren, dat, bij het +voortdurend hossen en stooten, een der balken breekt; geen nood: gij +houdt even aan den boschrand stil; de voerman hakt een denneboom om, +stroopt er de takken en bladeren af--en ziedaar, de zaak is weêr in +orde! Binnen een half uur is de schade hersteld. + +Ik wenschte de tarantasse tot Petersburg, of althans tot Wietegra, +te huren: maar de eigenaar was daartoe niet te bewegen. Ik moest dan +het rijtuig koopen: maar dit ging niet, want wat zou ik, eenmaal ter +plaatse mijner bestemming gekomen, met de tarantasse uitvoeren? De +engelsche consul redde mij uit de verlegenheid: hij gaf mij zijn +bediende Dimitri mede, die het rijtuig weder terug zou brengen. De +eigenaar nam daarmede genoegen. + +De tarantasse staat voor de deur: een ledige bak, waarin onze bagage +geborgen wordt; eerst de grootere stukken, hoedendoos, geweerkist, +koffer; dan bossen hooi, om de ledig gebleven ruimten en openingen +op te vullen, gevlochten koorden van stroo, om den boel bijeen te +houden, over dit alles ons bed, onze mantels en pelzen. In de hoeken +en openingen vinden vervolgens een houthakkersbijl, een kabeltouw, +een kluwen garen, een zak met spijkers, een pot met vet, een korf +met brood en wijn, een stuk gebraden vleesch, een trekpot en een +sigarenkoker, eene meer of minder geschikte plaats. + +Wij vertrekken met de eerste schemering, ten einde bij het aanbreken +van den dag aan het veer over de Dwina te zijn; onder de hoeven +onzer paarden spat het slijk naar alle kanten, en kraakt het houten +plaveisel der straten van Archangel.--"Vaarwel! Pas op de wolven +en op de roovers! Vaarwel! goede reis!" klinkt het uit een dozijn +monden:--en de vriendelijke, half bevrozen stad ligt achter ons. + +Den ganschen nacht rijden wij, onder een donkeren hemel, nu en +dan flauwelijk door een enkele ster verlicht, langs een doodschen +akelig-eentonigen weg: dennen ter rechterzijde, dennen ter linkerzijde, +dennen voor ons, dennen overal. Wij hotsen door een dorp, en wekken +eenige rondzwervende honden uit hun slaap; wij komen aan het veer, +en steken de rivier over op een vlot; wij rijden over steenen en door +zand; wij waden door poelen en moerassen; nachten, dagen achtereen; +altijd door onze weg vervolgende te midden der sombere bosschen, waar +nu de verdorde bladeren bij hopen den grond bedekken, en ronddwarrelen +bij iederen windvlaag, die huilende door het woud vaart. De eene dag +van dezen tocht is volkomen gelijk aan den anderen. Zoo ver wij zien +kunnen, strekt zich een open baan, ongeveer dertig ellen breed, voor +ons uit. De dennen en beuken gelijken allen op elkander; de dorpen +zijn nog meer aan elkaar gelijk dan de boomen. De eenige verandering +is in de gesteldheid van den weg: afwisselend zand of moeras, gras of +boomstammen. Op een afstand van duizend wersten, zijn er honderd met +boomstammen geplaveid; tweehonderd wersten zijn zand; driehonderd gras; +vierhonderd slijk en moeras. Wij spotten met de Russen, die spoorwegen +aanleggen in streken, waar geen straatweg en zelfs geen gewoon pad te +vinden is. Ten onrechte: een ijzeren baan is juist de meest natuurlijke +weg in deze wouden, waar steenen uiterst zeldzaam zijn. + +Is het rijden door het zand al erg genoeg, dit is niets bij hetgeen +u te wachten staat, als ge aan de boomstammen komt. Op zekeren nacht +kon ik het niet langer uithouden; ik troostte mij met de gedachte, +dat onze bagage slecht was ingepakt, en dat eene andere schikking +ons meer gemak zou bezorgen. Mijn koffer vooral eischt dringend eene +andere plaats. Daar hij mij bij dag voor bank, en de nachts voor bed +dient, speelt hij een voorname rol in onze kleine komedie; maar geene +verschikking van de andere voorwerpen, geen opvullen met hooi of stroo, +geen overdekken met mantels en pelzen, kan dien oproerigen koffer tot +rust brengen. Hij glijdt en schudt en woelt onder mij, en springt op +bij elken schok. Wij beproeven hem vast te binden met koorden en touwen +en riemen: niets helpt--hij blijft even onrustig. Wat mijn rug en mijn +lenden daarbij te lijden hadden, zal ik maar niet pogen te schetsen! + +Goddank!--wij zijn eindelijk te Kholmogory! Op een hoogte langs de +rivier gebouwd, vroolijk en vriendelijk met zijn gouden kruis, zijn +grasrijke paden, zijn witte en rooskleurige huizen, zijn booten aan +den oever, zijn zandige vlakten in het verschiet, ligt daar het fraaie +dorp, ruim en luchtig. Hier ziet ge een kerk, ginds een klooster, +schitterend van kleuren en verguldsels; de huizen zien er netter en +welvarender uit, dan doorgaans in zulke vlekken het geval is. Zooals, +het daar voor u oprijst, met dien donkeren gordel van dennen- en +beukenwouden, is Kholmogory inderdaad waardig de geboorteplaats te +zijn van een volksdichter als Lomonosoff. + +Tusschen Kholmogory en Kargopol, tusschen Kargopol en Wietegra, +vindt men niets dan dorpen: op dezen ganschen langen weg van minstens +vierhonderd mijlen lengte, ontmoet ge geene enkele verzameling van +huizen, waaraan ge met eenigen schijn van waarheid den naam van stad +zoudt kunnen geven. De heirbaan loopt maar altijd voort: nu eens langs +de oevers der rivier, dan weder zich verliezende in de diepten van +het woud; doch steeds onafgebroken, als een smal lint, voortgaande +van het noorden naar het zuiden. Niets stuit dien eentonigen weg: +hij steekt de rivieren over, hij vervolgt zijn loop over steenen, +moerassen en veengronden; hij kruipt voort over gebroken rotsen; hij +bestijgt de lage heuvelen, en daalt af in de vochtige valleien. De +voerman, trotsch op zijn vier paarden, met touwen en kettingen naast +elkander voor de tarantasse gespannen, jaagt rusteloos voort, als gold +het een helschen wedloop met den booze, in de hoop, dat hij daarvoor +een extra kop thee verdienen zal. Dit harde rijden is trouwens eene +vaste gewoonte bij de russische koetsiers, die er zich op beroemen, dat +zij het iemand, voor tien kopekken, groen en geel voor de oogen kunnen +doen worden. Dag aan dag, van den vroegen morgen tot den laten avond, +rennen wij voort door moerassen en dennenwouden. Nergens is een sloot, +een dijk, een haag, een omheining te bespeuren: geen enkel teeken dat +de grond aan iemand toebehoort. In vliegende vaart hollen wij voorbij +een groot houtvuur, waar omheen een groep armelijk gekleede lieden +zitten, die ons op onvriendelijken toon groeten, terwijl sommigen +opstaan om ons na te oogen. + +"Wat zijn dat voor lieden, Dimitri?" + +"Landloopers. Waarschijnlijk zijn het vluchtelingen." + +"Vluchtelingen? Waarvoor vluchten zij dan?" + +"Ja, dat zijn zonderlinge lui, die niet werken willen, zich aan wet +noch gebod storen, en zich nergens willen vestigen. Gij kunt ze hier +overal in de bosschen vinden: het zijn ware wilden. Te Kargopol zult +gij er wel meer van hooren." + +In deze stad, aan de rivier de Onega, in het gouvernement Olonetz +gelegen, vernam ik meer bijzonderheden omtrent deze landloopers, die +inderdaad een lastig en gevaarlijk slag van menschen zijn. Ook in +Nowgorod en in Kazan hoor ik van deze zwervende bevolking spreken, +die in een groot deel des rijks verspreid is: een verschijnsel, op +zich zelf reeds een kwaad, maar als teeken van den maatschappelijken +toestand nog veel bedenkelijker. In de gouvernementen, Jaroslaw, +Archangel, Wologda, Nowgorod, Kostroma en Perm, zwerven gansche benden +dezer onrustige, weerspannige vagebonden rond. Zij zijn nomaden, in +den waren zin des woords. Zij verlaten hunne huizen en landerijen, +doen afstand van hunne rechten als boeren of burgers, kleeden zich +in lompen, nemen den pelgrimsstaf ter hand, verbreken alle banden +der familie, trekken zich in het diepst van het woud terug, en +wonen in moerassen en zandwoestijnen, in openbare vijandschap met +de maatschappij, de kerk en den staat. Sommigen doen inderdaad geen +kwaad: zij brengen hunne dagen door in sluimering en hunne nachten +in gebed, terwijl de boeren hen van spijs en drank voorzien; maar ook +al bepaalt zich hun verzet tegen de gevestigde orde van zaken alleen +tot zulk een lijdelijken wederstand, dan nog is dit een bedenkelijk +verschijnsel. Deze lieden willen niet arbeiden voor de spijze, die +vergaat; zij weigeren zich te onderwerpen aan de bevelen der overheid; +zij erkennen de wet niet, waaronder zij leven. Zij beweren dat het +tegenwoordige regeeringsstelsel een werk des duivels is; de tsaar +is voor hen de vorst der duisternis; zijn raadslieden en de heeren +van zijn hof zijn valsche getuigen en gevallen heiligen. Zij zelf +willen niets gemeens hebben met de booze wereld, waarvan zij vlieden, +zooals Abraham vlood van de ten ondergang gedoemde steden der vlakte. + +Naar het schijnt hebben deze nomaden, althans in sommige provinciën, +eene eigene organisatie, met opperhoofden aan wie zij gehoorzamen, +als ook bepaalde plaatsen van bijeenkomst en gemeenschappelijke +Godsvereering. Doorgaans vinden zij steun en hulp bij de boeren, hetzij +dan uit werkelijke sympathie, hetzij uit vrees voor wraakoefening. Zeer +zelden vinden zij de deur der hoeve voor zich gesloten; en bijna +nooit wordt een aanklacht tegen hen bij de politie ingediend. Zelfs +in die streken, waar zij, naar men zegt, nu en dan plunderen en +gewelddadigheden plegen, valt het uiterst moeilijk iets omtrent hen +te vernemen, en vindt vooral de politie niet de minste medewerking. + +Niemand zal ontkennen dat, vooral in de ernstige crisis waarin de +russische maatschappij thans verkeert, zulk een staat van zaken een +wezenlijk gevaar oplevert. De geest, die deze benden avonturiers +bezielt, en hen drijft zich aldus vijandig tegenover de maatschappij +en hare inzettingen te plaatsen, en feitelijk tot den chaos der +barbaarschheid terug te keeren, is zekerlijk een der moeilijkste +hinderpalen, die eene waarlijk vrijzinnige en hervormingsgezinde +regeering op haar weg ontmoeten kan. Tegenover dit onrustbarend +verschijnsel rijzen ernstige vragen op. Is de russische boer inderdaad +rijp voor vrijheid en zelfbestuur, alleen door de gehoorzaamheid aan de +wet beperkt? Indien de ondervinding mocht bewijzen, dat een aanzienlijk +deel der landelijke bevolking in Rusland zich over dezen hartstocht +voor een zwervend nomadenleven laat vervoeren,--zooals sommigen +hopen en velen vreezen--dan is de proeve van emancipatie, door den +tegenwoordigen tsaar genomen, mislukt, en is de burgerlijke vrijheid +misschien voor meer dan honderd jaren verloren. De keizer heeft eene +bijzondere commissie benoemd, om de door de regeering ingewonnen +berichten en rapporten betreffende deze zaak te onderzoeken. Dat +onderzoek is nog niet afgeloopen; naar het schijnt heeft de commissie +nog tot geen besluit kunnen komen, en geen middel aan de hand weten +te doen om het voortwoekerend kwaad te stuiten. + +Inmiddels gaat ons het eene dorp na het andere voorbij! + +Deze russische dorpen gelijken zoozeer op elkander, dat wie er een +gezien heeft, er honderden heeft gezien; hebt ge er twee verschillende +gezien, dan kent gij ze allen. Het doet er weinig toe, of het model +groot of klein is, van hout of van leem gebouwd, in het woud verscholen +of te midden der naakte steppen geplaatst: gij zult overal dezelfde +vormen en dezelfde groepeering van woningen vinden, duizende malen +herhaald. Er zijn slechts twee verschillende typen van dorpen: die +van Groot- en die van Klein-Rusland; van de eerste vindt ge de beste +voorbeelden in de omstreken van Moskou; van de laatste in den omtrek +van Kiew. + +Een groot-russisch dorp bestaat uit twee rijen hutten, door eene +breede en vuile straat gescheiden. Elk huis staat op zich zelf; +het getal dezer woningen wisselt af van tien tot honderd. Van geheel +gelijkvormige dennestammen opgetrokken, die op dezelfde wijze gehouwen +en saamgevoegd zijn, zijn de huizen onderling volkomen gelijk, alleen +behoudens het verschil in grootte. De woning van het dorpshoofd +is grooter dan de anderen; daarop volgt die van den slijter, de +brandewijnkroeg. Vier ruwe wanden, waarvan de gaten en spleten met +mos zijn toegestopt, en waarin een paar deuren en eenige vensters +zijn uitgehouwen; een schuin oploopend, vooruitstekend dak--ziedaar +het uiterlijke. Van binnen geen andere vloer dan de naakte bodem; de +zoldering bestaat uit dennen balken en planken. Verf is eene onbekende +weelde; het duurt dan ook niet lang, of de wanden en de gevel zien +bijna geheel zwart door den regen en den rook. De ruimte tusschen +de huizen ligt geheel open: een vuile modderpoel, waarin de varkens +zich welbehagelijk rondwentelen, en de nijdige wolfshonden grommen +en vechten. De zoogenaamde straat is met planken bevloerd. Hier en +daar prijkt eene enkele woning met een soort van balkon, een koestal, +en zelfs met eene bovenverdieping. Nabij het dorp verrijst een kapel, +eveneens van boomstammen gebouwd en met planken gedekt; maar hier +vindt ge, zoo al niet verguldsel, dan ten minste eene mengeling van +kleuren. De wanden der kapel zijn wit geschilderd, het dak is groen; +en misschien heeft een of andere rijke boer, voor zijne rekening, +het kruis laten vergulden. + +Rondom deze akelige woningen strekken zich de weinig minder +akelige velden en akkers uit, die de dorpelingen met hun zweet +besproeien. Vlak, laag, zonder hagen of eenige afsluiting, missen die +akkers, in hunne naakte eentonigheid, schier alle poëzie; nergens +een welriekende rozenheg, nergens een boomgaard, niets dat aan een +thuis, eene eigene woning, herinnert. De moestuinen hebben niets van +tuinen: zij zijn niets meer dan regelmatig afgedeelde stukken grond, +waarop groenten geteeld worden. Geen enkel bloempje verkwikt in deze +wildernis uw oog. + +In Klein-Rusland, in de oude poolsche provinciën van het westen en +het zuiden, vindt ge een andere type van dorpen. In plaats van de +vuile, berookte boomstammen, eene schilderachtige mengeling van groen +en wit; in plaats van de regelmatig op eene rij gezette blokhuizen, +eene groep woningen, te midden van het geboomte verspreid. De huizen +zijn meest van aarde en biezen gebouwd; het dak is met stroo gedekt; +de wanden zijn met kalk bestreken; een haag van biezen en doornen +omgeeft die gansche groep. Is elk huis op zich zelf ook klein, het +heeft toch zijn voorplaats en zijn tuin. Er zijn geen straten in het +dorp; de haag heeft slechts twee openingen, eene ten noorden, en eene +ten zuiden; en zoo ge van de eene opening naar de andere wilt gaan, +moet ge een aantal paden of stegen doorkruisen, met doornen hagen +en biezen omzoomd, en bevolkt door nijdige, gevaarlijke honden. Het +schijnt wel, dat ieder hier volle vrijheid had om zijn huis te +bouwen, waar hij wilde, alleen zorg dragende dat zijn erf binnen de +algemeene omwalling bleef. Zulke dorpen, zonder eenig plan gebouwd, +en waarin ieder huis door een tuin is omringd, beslaan natuurlijk +eene aanzienlijke uitgestrektheid gronds; sommige dorpen der Kozakken +doen in omvang voor geen matige stad onder. Natuurlijk heeft ieder +dorp zijn kerk, wier rijke kleurenpracht en eigenaardige bouworde de +bekoorlijkheid van het landschap verhoogen. + +In de wijde landstreek tusschen Kiew aan de Dnjeper en Kalatsh aan +den Don, behooren al de dorpen tot deze tweede type. Het verschil met +de groot-russische dorpen ligt zoowel in het huis als in den tuin; +en dit verschil wijst op eene andere opvoeding, misschien wel op een +ander ras. De Groot-Russen zijn schroomvallig, zachtaardig en meegaand +van karakter; zij sluiten zich gaarne aaneen, en trachten zooveel +mogelijk bij elkander te blijven en in eene soort van gemeenschap +van goederen te leven. De Klein-Russen daarentegen zijn levendig, +prikkelbaar, ondernemend van aard; zij zijn gaarne hun eigen meester +en heer, en staan liefst op zich zelf, ten einde gelegenheid te hebben +om al hunne krachten en talenten te kunnen ontplooien. Een inwoner +van Groot-Rusland voert zijne bruid naar de ouderlijke woning; een +inwoner van Klein-Rusland geleidt haar liefst zijn eigen huis binnen. + +Het woud duikt achter ons weg in eindeloos verschiet, en wordt dunner +en dunner. Wij ontmoeten eene vrouw, alleen in haar eenvoudige kar +gezeten; straks komt ons een wagen tegemoet, door soldaten te voet +begeleid, en waarmede gevangenen, die deels geboeid zijn, onder +opzicht van eene oude vrouw worden vervoerd. De zorg voor de dienst +langs de wegen is, bij wijze van heeredienst, aan de dorpen opgelegd; +wanneer een reisgezelschap in een dorp aankomt, moet de oudste of +hoofdman zorgen voor het noodige--wagens, paarden, voerlieden--zooals +in de podorodjna staat geschreven. Maar zeer dikwijls gebeurt het, +dat er in het dorp geen andere mannen te vinden zijn dan knapen of +grijsaards. De volwassen mannen zijn verre, verre weg: zij zwerven +als visschers door de Poolzee; zij hakken hout in de wouden rondom +Kargopol; zij zijn op de bever- en vossenjacht in het Oeralgebergte, +en laten hunne vrouwen maanden lang alleen achter. + +Dorpen, dorpen en nog eens dorpen! Wij ontmoeten nogmaals een +boerewagen, door soldaten begeleid en waarin een gevangene geboeid +ligt; uit het kreupelhout gluurt ons een wolf aan; een pelgrim gaat +ons voorbij, op weg naar Solowetsk; wij rennen langs een troep spelende +jongens, wier kleederen op dit oogenblik in de wasch schijnen te zijn; +daar staat, half omvergevallen, een gebroken wagen; straks doet het +woeste geblaf van eenige honden ons opschrikken; en dan gaat het weer, +uren achtereen, door het stille zwijgende woud. Toch komt een straal +van liefelijkheid en poëzie ook deze eenzame streken verhelderen +en bezielen. Een geurige, frissche koelte doet de bladeren zachtkens +ritselen; de lucht is helder; en zijn de lijnen ook bijna allen vlak en +effen, de hemel is blauw, en de zon giet haar gouden stralen over het +landschap uit. Dikwerf prijken de oude boomstammen met de fraaiste +kleurschakeeringen, en de zwevende koeltjes ruischen als muziek +door de hooge dennen. Hier en daar groet u van verre, in het lommer +verscholen, een schilderachtig klooster. Daar ginds is een boschbrand +uitgebarsten; de bleekroode vlammen verheffen zich hoog in de lucht, +half gehuld in dikke wolken van purperkleurigen rook. Een open plek, +getuige van een vroegeren brand, straalt in al de kleurenpracht der +liefelijkste herfstbloemen. Een aanvallig kind, met blonde krullen +en zachte blauwe oogen, staat langs den weg, en groet ons met bijna +oostersche bevalligheid. Daar ritselt en klatert een beek dwars door de +afgevallen bladeren. Nieuwe groepen: eene vrouw, met eene kom melk in +de hand; meisjes, die in het heldere riviertje haar linnengoed spoelen, +onder het oog van het Onze-Lieve-Vrouwenbeeld. Overal zijn de lieden +wel is waar eenigszins plomp en ruw, maar inderdaad godsdienstig en +wellevend; in hunne donkere wouden richten zij kruisen en kapellen +op, en maken alzoo de sombere vervelende wegen tot lichtende sporen, +die de gedachten ten hemel heffen. + +Wij houden stil in een dorp, aan den oever van een klein donker meer. + + + +XV. + +PATRIARCHALE ZEDEN.--EEN STAAT IN DEN STAAT. + + +"Hoe nu, kan ik hier vóór den avond geen paarden krijgen?" + +"Zoo als gij ziet," antwoordde de oudste glimlachend, "het is hier +feest vandaag; er wordt eene bruiloft gevierd, en de patriarch geeft, +eene groote partij ter eere van het huwelijk van Vanka met Nadia." + +"Nadia! Dat 's een mooie naam! Dus kunnen we toch van avond paarden +krijgen, niet waar?--Wie zijn dat daar? Aha, de kerk! Komt, laat +ons daarheen gaan en de kroning zien. Is die Vanka een flinke, +knappe jongen?" + +"Ja; of liever hij zal het eenmaal zijn. Vanka is een knaap van +zeventien jaar, die voor achttien doorgaat--de bij de wet vereischte +leeftijd. Maar och, hij telt bij dit alles weinig mede." + +"Maar waarom trouwt hij dan?" + +"Omdat de patriarch het verlangt. Daniël heeft hulp noodig in zijn +huishouding. De oude Daan, moet ge weten, is Vanka's vader; en het +oude moedertje is zoo afgesloofd, dat zij niet veelmeer is dan vel +over been. Zij is tien jaar ouder dan hij, en de patriarch heeft eene +jonge vrouw noodig, die hij naar hartelust bevelen kan, eene die vlug +en bij de hand is, die zijne koe kan melken, zijn kachel aanmaken en +zijn thee zetten." + +"Het is hem dus eigenlijk te doen om eene goede dienstmeid?" + +"Ja, juist, eene goede dienstmeid: en die zal hij in Nadia gevonden +hebben." + +"Het is dus geen huwelijk uit liefde?" + +"Och, zooals doorgaans. De knaap, hoe jong ook, is naar men zegt toch +verliefd geweest; want de jongens zijn mal en de meisjes zijn slim; +maar hij was niet verliefd op de vrouw, die zijn vader voor hem +gekozen heeft." + +"Woonde zijne beminde hier in het dorp?" + +"Ja; zij heet Lousha: eene aardige flinke meid, met ronde blauwe oogen +en lippen om te kussen, maar zonder een roebel in de wereld. Nadia +daarentegen brengt vijf koperen samovars en vijftien zilveren lepels +ten huwelijk. Die zilveren lepels veroverden het hart van den ouden +Daan." + +"En wat zegt Vanka wel van dit huwelijk?" + +"Niets; wat kan hij zeggen? De patriarch heeft alles beredderd, de +lepels gekeurd, de bruid aangenomen, het feest aangelegd en den dag +voor het huwelijk bepaald." + +"Rusland is wel het beloofde land voor vaders!" + +"Ieder op zijn beurt; eerst de vader, later de zoon. Te zijner tijd +zal Vanka ook een patriarch zijn. De zoon is niets, zoolang zijn +vader nog leeft." + +"Zelfs niet, als het er op aankomt zich eene vrouw te kiezen?" + +"Neen; juist het minst als hij eene vrouw moet kiezen. Zooals gij +ziet, zijn onze zeden nog ouderwetsch en eenvoudig, zooals die in +den bijbel beschreven zijn. De huisvader is koning in zijne eigene +woning, als de patriarchen van ouds; en hebt gij ooit gelezen dat, +in de dagen der aartsvaders, de jonge lieden het land afliepen, om +zich naar eigen begeerte eene vrouw te zoeken? Onze patriarch regelt +dat; hij en de koppelaarster." + +"De koppelaarster! Wie is dat?" + +"Eene oude vrouw, die in gindsche hut nabij de brug woont; een +arm oud wijf, die waarzegt en uit kaarten de toekomst voorspelt; +die als tusschenpersoon optreedt in de liefdesgeschiedenissen der +jonge meisjes, huwelijken bekonkelt, en door allen als een tooverheks +gevreesd wordt." + +"Is er in ieder dorp zulk eene koppelaarster?" + +"Neen; sommige dorpen zijn daarvoor te arm; want deze oude wijven laten +zich goed betalen. Die het wat verder in de kunst gebracht hebben, +vestigen zich in de steden, waar zij nog voordeeliger zaken kunnen +doen. Die tooverheksen in de steden hebben macht over de planeten; +de onzen moeten zich met kaarten behelpen." + +"Gelooft ge waarlijk dat zij macht hebben over de planeten?" + +"Wie zal dat uitmaken? Wij zien dat zij macht hebben over mannen en +vrouwen: en toch heeft ieder mensch zijn eigen planeet en zijn eigen +beschermengel. De meisjes, die de hulp der koppelaarster inroepen, +geven haar een lijst van al wat zij bezitten--zooveel samovars, +zooveel linnen, zooveel huisraad. Het gebeurt niet dikwijls dat zij +ook zilveren lepels bezitten. De patriarchen gaan naar de tooverheks, +om die lijsten in te zien. Een slimme kwant, zooals die oude Daan, gaat +liefst 's avonds tegen de schemering, als niemand hem ziet, naar hare +woning, zet zijn flesch brandewijn op de tafel, en noodigt de oude tot +drinken. "Kom, moedertje," meesmuilt hij, "haal uw lijst eens voor den +dag, en laat ons wat praten."--"Wat zoekt ge, vader Daniël?" grijnst +het wijf.--"Een vrouw voor Vanka, moedertje, een vrouw. Kom, drink +eens, dat zal je goed doen; en nu--met het boek voor den dag. Ik +wil eene flinke meid met een aardig duitje."--"Aha," zegt de heks, +met haar hand aan het glas; "ge wilt mijn boek zien! Wel, vadertje, +ik heb hier twee knappe deerns--aardige meisjes, en niet onbemiddeld +ook; zij zijn beiden juist voor Vanka geschikt. Hier is Lousha: een +aardig ding, maar geen huisraad; blauwe oogen, maar nog geen twintig; +tandjes als parelen, maar..... Blieft ge er niet van gediend? Waarom +niet?--Nu, zooals ge wilt; ik prijs mijn waren aan; het staat u vrij, +die al of niet te nemen. Lousha is een aardige meid--gij behoeft niet +zoo laag op haar neer te zien!--Zie hier, hier is Dounia; welgemaakt, +een fiksche, stevige meid; zij gaf nooit stof tot praten, en had maar +één vrijer in haar leven, eens buurmans zoon. Wat ze meebrengt? Dounia +is zelf een lot uit de loterij--zij eet heel weinig, en werkt als +een paard. Zij heeft vier samovars.--Niet gediend? Wel nu, gij treft +het bijzonder van avond, vadertje. Hier is Nadia;"--en nu volgt de +geschiedenis van haar samovars en haar zilveren lepels." + +"En zoo wordt de zaak beklonken?" + +"Men betaalt den pope het verschuldigde; de dag voor de +huwelijksplechtigheid wordt bepaald, en alles is gedaan--uitgenomen +het feest, het drinken en de hoofdpijn als napret." + +"Vertel mij nu eens iets van Nadia." + +"Vindt ge Nadia zulk een mooie naam? Ik geef de voorkeur aan +Marfousha. Mijne vrouw heet Marfa; als kind werd zij Marfousha +genoemd." + +"Is Nadia jong en mooi?" + +"Jong? Ze is negen-en-twintig jaar. Mooi? Ze is zoo bruin als leer." + +"Negen-en-twintig, en Vanka zeventien!" + +"Maar zij is groot en fiksch gespierd; sterk als een muilezel, en +kan den heelen dag, met weinig eten, blijven doorwerken." + +"Dat zou goed zijn, als er een slaaf werd verlangd, om het land om +te spitten of een wagen te besturen." + +"Maar dat wil de patriarch ook: eene dienstmeid voor zich zelven, +en eene echtgenoote voor zijn zoon." + +"Hoe kwam Vanka er toe, haar aan te nemen?" + +"Daniël toonde hem haar zilveren lepels; haar blinkende trekpotten, +en haar kist vol huisraad. De jongen ziet al die fraaiigheden met +begeerige oogen aan. Lousha is afwezig, en de oude man geeft een +wenk. De bruid omhelst Vanka--en de zaak is in orde." + +"Arme Lousha! waar is zij vandaag?" + +"Zij blijft op het veld om nog wat te groeien. Zij is nog niet sterk +genoeg om te trouwen. Zij zou voor haar man en voor haar schoonvader +niet kunnen werken, zooals eene vrouw behoort te doen. Het is veel +beter voor haar, nog wat te wachten. Op haar negen-en-twintigste jaar +zal zij evengroot en sterk zijn als Nadia; dan zal zij geschikt zijn +voor het huwelijk, want dan zullen de wilde haren er wat uit zijn." + +Wij wandelen over de met planken bevloerde straat, van het posthuis +naar de kerk, die geheel opgevuld is met mannen en vrouwen in hun +zondagskleed: de vrouwen en meisjes in roode jurken met bont omzoomd, +en soms wel met zilvergalon versierd; de mannen in nette overjassen +en ronde bonte mutsen, met gouden kwasten en een roode punt. De +plechtigheid is bijna voleindigd; de priester heeft het huwelijk, in +den naam van God, gesloten; de jonggehuwden treden uit het heiligdom +met hunne kronen van klatergoud op het hoofd. De koning geleidt +zijne koningin, die er zeker oud genoeg uitziet om zijne moeder te +zijn. Men hoort hier in Rusland zooveel spreken van de rechten van +den echtgenoot, en van de zonderlinge eigenaardigheid der vrouwen, +die het als een bewijs van liefde beschouwen, wanneer hare mannen +haar slaan,--dat onwillekeurig de vraag oprijst, hoelang het nog +wel duren moet eer ook Vanka zijne vrouw zal kunnen slaan. Vooreerst +gaat dat nog niet, dat is duidelijk; men zou daarom kunnen twijfelen +aan hun echtelijk geluk, wisten wij niet dat, bij gebreke van Vanka, +de patriarch niet verzuimen zal van zijn zweep gebruik te maken. + +De forsch gespierde bruid, met haar vergulde kroon op het hoofd, in +stijf brokaat gehuld en zich blijkbaar van de waarde harer vijftien +zilveren lepels bewust, wandelt statig langs de slijkerige straat, +naar hare nieuwe woning. + +De kroegen--er zijn er twee in het dorp, ten behoeve van tachtig of +negentig zielen--zijn vol luidruchtig gezelschap. De brandewijnflesch +gaat rusteloos rond. Groote, baardige mannen omhelzen elkander, en +drukken hunne glazen tegen de borst; terwijl de knapen en meisjes, +schroomvallig en zwijgend, naar een open plaats gaan, waar het feest +met een dans zal worden besloten. Dit landelijk bal is wel een kijkje +waard. Een kring van dorpelingen, ouden en jongen, schaart zich in het +rond, om van de pret getuige te zijn. De dansers staan van elkander +afgezonderd: hier een groepje jongelieden, daar een groepje meisjes: +allen ernstig en doodstil. Eindelijk laat zich een fluit hooren; +een der jonkers neemt zijn muts af, en noodigt met eene buiging +zijne danseres uit. Geeft het meisje aan die uitnoodiging gehoor, +dan wuift zij met haar zakdoek; de jonkman treedt op haar toe, vat de +punt van den zakdoek, en draait met zijn meisje in de rondte. Niemand +spreekt een woord, niemand lacht. Stijf geregen en in haar opgeschikte +kleeding ingeperst, kan het meisje zich niet dan met moeite bewegen; +zij draait om en om zonder dat haar danser ooit hare hand aanraakt. De +melankolieke fluit speelt maar altijd voort, uren achtereen, op +dezelfde eentonige wijs; en de schoone, die gedurende het gansche bal +haar decorum het best bewaart, geen woord spreekt en geen lach haar +lippen laat plooien, heeft, naar het oordeel der omstanders, boven +allen de prijs verdiend!--De mannen praten en lachen onder elkander: +maar zoodra zij de vrouwen naderen, zijn zij met stomheid geslagen, +en maken enkel gebaren met hunne mutsen; deze zwijgende uitnoodiging +wordt door het wuiven met den zakdoek beantwoord, doch ook zonder dat +het meisje den mond open doet. Dit ronddraaien duurt voort, tot de tijd +is gekomen om naar bed te gaan, wanneer de mannen, opgewonden door de +drank, indien al niet door de liefde, wat los op hun beenen beginnen +te staan en allerlei onwelluidende kreten en liederen aanheffen. + +De patriarch zit in zijn huis, en brengt den avond genoegelijk door, +in gezelschap van Nadia en haar zilveren lepels. + +Ook al is haar echtgenoot een volwassen man, moet de vrouw toch +haar intrek nemen onder het ouderlijk dak, en zich aan den regel +van het ouderlijk huis onderwerpen. Verlangt zij mede haar deel van +de groentesoep en van de podding van gerstemeel, om niet te spreken +van een nieuw jakje nu en dan, dan moet zij haar best doen om het +haar schoonvader naar den zin te maken: en dit kan zij niet doen, +indien zij niet onverwaardelijk aan zijne bevelen gehoorzaamt. De +grieksche kerk laat geen echtscheiding toe: eenmaal getrouwd, zijn +de echtgenooten voor hun leven verbonden;--gelukkig zijn de eischen +niet hoog, en heeft geen der beide partijen veel overlast van een +te sterke verbeelding, zoodat zij zich in den regel tamelijk wel in +hun lot schikken, en zich alleen ongelukkig gevoelen als de boonen +mislukken of de patriarch wat al te druk gebruik maakt van zijn zweep. + +"Verdedigt een man zijne vrouw dan niet?" + +"Neen," antwoord de oudste, "niet tegenover zijn vader." + +Een patriarch, huisvader, is onbeperkt gebieder in zijn huis en +gezin; niemand heeft het recht daar tusschenbeiden te komen: noch +het dorpshoofd, noch zelfs de keizerlijke rechter. Hij staat boven +de wet. Zijn hut is niet alleen een kasteel, maar een kerk: al wat +hij binnen die gewijde wanden verricht, is onaantastbaar en heilig. + +"Maar als nu de vrouw bij haar man bescherming zoekt tegen +mishandeling?" + +"De man moet zich onderwerpen, Wat zoudt ge dan verlangen? Twee heeren +onder één dak? Dan zou het huis spoedig in duigen vallen." + +"Dus geven de jonge mannen altijd toe?" + +"Wat zouden zij dan moeten doen? Moet men den ouderdom niet +eeren? Geeft de ondervinding geen aanspraak op den voorrang? Kan een +man een lang leven achter zich hebben, zonder met de jaren ook wijsheid +te vergaderen? Naar men zegt, zal dit alles eerlang veranderen; dan +zullen de jongelieden het huis regeeren, en de patriarchen hun baard +verbergen. Maar niet in mijn tijd! niet in mijn tijd!" + +"Onderwerpen de vrouwen zich gewillig aan de bevelen van den +patriarch?" + +"Zij moeten wel. Veronderstel dat Nadia door den ouden Daan geslagen +wordt. Zij komt tot mij, en toont mij haar schouders, die bont en blauw +zijn. Ik beleg eene vergadering van patriarchen om hare aanklacht te +hooren. Wat zal de uitkomst daarvan zijn? Zij vertelt hun, dat haar +vader haar slaat, en toont de litteekenen. De patriarchen vragen haar, +waarom zij geslagen werd? Zij bekent, dat zij ongehoorzaam is geweest, +toen haar schoonvader haar het een of ander gelastte: misschien wel +iets, dat hij niet behoorde te vorderen, en dat zij niet gehouden was +te doen. Maar het beginsel des gezags, dit voelt men, staat daarbij +op het spel: want is de patriarch niet langer gebieder in zijn huis, +hoe zal dan de oudste zijn dorp, de gouverneur zijne provincie, de +tsaar het rijk regeeren? Alle soorten en vormen van gezag hangen te +zamen, en staan of vallen met elkander. De patriarchen zijn dus van +meening dat de vrouw eene zottin is, en dat een tweede dracht slagen +haar goed zal doen." + +"Kunnen zij niet bevelen, dat zij gegeeseld worde?" + +"Tegenwoordig niet; de wet verbiedt het; dat wil zeggen, in het +openbaar. In zijn eigen huis mag Daniël, zoo vaak het hem goeddunkt, +Nadia geeselen." + +De wet waarbij dit geeselen der vrouwen in het openbaar verboden +wordt, is door den tegenwoordigen keizer uitgevaardigd, en behoort +mede tot het groot geheel van maatschappelijke hervormingen, die +hij tot stand poogt te brengen. Zij is niet populair in het dorp, +waar zij beschouwd wordt als een inbreuk op de rechten der mannen, +omdat zij de patriarchen belet, naar goedvinden met de vrouwen te +handelen. Sedert deze wet het geeselen der vrouwen in het openbaar +heeft afgeschaft, hebben de mannen nieuwe middelen van bestraffing +uitgedacht: zij houden zich overtuigd, dat een geeseling met gesloten +deuren niet veel helpt, omdat daarbij de eer der schuldige ongerept +blijft. Wat zij alzoo uitgevonden hebben, blijkt uit hetgeen een +nieuwsblad verhaalt.--Euphrosine M--, de vrouw van een boer in +het gouvernement Kherson, werd door haar echtgenoot van ontrouw +beschuldigd. De man roept eene vergadering van patriarchen bijeen, +die zijne aanklacht aanhooren, en, zonder verdere getuigenis, +zonder de vrouw toe te laten zich te verdedigen, haar veroordeelen +om, op klaarlichten dag, in tegenwoordigheid van al hare vrienden, +moedernaakt door het dorp te worden geleid! Dit vonnis werd op een +kouden dag, bij vorst, ten uitvoer gelegd. Toch kon de ongelukkige, +wier schuld niet bewezen was, van de uitspraak van deze dorpsrechtbank +niet in hooger beroep komen. Want een dorp is een zelfstandige macht; +in den vollen zin des woords, een staat in den staat, eene republiek, +die door eigen wetten en zelf gekozen opperhoofden bestuurd wordt. + +In westelijk Europa is een dorp niet anders dan eene stad in het klein, +waar een zeker aantal lieden van verschillenden stand gevestigd zijn, +die volkomen vrijheid hebben om, zoo zij dit verkiezen, naar elders te +gaan. Een russisch dorp daarentegen is een verzameling van hutten, die +allen bewoond worden door menschen van denzelfden stand en hetzelfde +beroep; menschen, wien het niet vrij staat zich te verwijderen van +den akker, dien zij bebouwen; die met elkander hetzelfde lot deelen, +en hunne landen onder dezelfde verplichtingen bezitten; die als +belasting eene gemeenschappelijke som betalen, en te zamen een zeker +aantal recruten voor de militaire dienst moeten leveren. + +Deze dorpsrepublieken zijn in bijzonderen zin aan Groot-Rusland eigen, +waar het eigenlijke echt russische volk woont. Men vindt ze noch +in Finland en de Oostzee-provinciën, noch in Astrakhan, Siberië en +Kazan, noch in Kiew, Podolië, de Ukraine, en evenmin in de kaukasische +provinciën. Waar ge deze landelijke republieken aantreft, kunt ge met +zekerheid weten, dat ge u op echt-russischen bodem, en te midden van +het oud-russische volk bevindt. De provinciën, die ze bezitten, zijn +velen in aantal, groot in omvang, en rijk aan vaderlandsche deugden, +en met trouwe liefde aan den voorvaderlijken grond en de voorvaderlijke +inzettingen gehecht. Zij reiken van de muren van Smolensk tot nabij +Wiatka; van de golf van Onega tot de Kozakken-koloniën aan den Don: +eene landstreek, vijf of zesmalen zoo groot als Frankrijk, het oude +rijk van Iwan den Verschrikkelijke, dat aloude echte Rusland rondom +zijne vier hoofdsteden--Nowgorod, Wladimir, Moskou en Pskow--gegroept. + +Een dorpsrepubliek is eene vereeniging van boeren, die als het +ware een groot gezin vormen, maar op hun eigen land en onder hun +eigen oversten leven, die naar oude overgeleverde wetten het bestuur +voeren. Een zeker aantal mannen, een van stand en van beroep, hebben +zich met gemeenschappelijk goedvinden op dezelfde plaats gevestigd, +een dorp gebouwd, een oudste gekozen, die met zeer uitgestrekte +macht is bekleed; het land, bij het dorp behoorende, is aller +gemeenschappelijke bezitting, niet ieders bijzondere persoonlijke +eigendom; zij wonen nabij elkander, in hutten van dezelfde grootte en +gedaante, naast en tegenover elkaar op twee rijen geplaatst. Behoefte +aan verdediging tegen de gemeenschappelijke vijanden, hetzij dan +menschen, wilde dieren, of vernielende natuurverschijnselen, was +ongetwijfeld de eerste aanleiding tot deze soort van vereenigingen, +waarvan het groote doel, ook nu nog, onderling hulpbetoon is. + +De grondslag en onmisbare voorwaarde dezer eigenaardige inrichting +is het communaal grondbezit. Geen dezer boeren bezit den grond +in zijn eigen naam en krachtens eigen recht, maar allen bezitten +dien gezamenlijk, in naam van allen, en wel voor altijd en in +gelijke deelen. Het huisgezin, bestaande uit man en vrouw, is de +maatschappelijke éénheid: en ieder huisgezin heeft recht op een +billijk aandeel in de algemeene bezitting: op zooveel akker-, op +zooveel bosch-, op zooveel tuingrond, naar evenredigheid der grootte +van de bezitting en de talrijkheid der deelgerechtigden. Om de drie +jaren vervallen alle bestaande titels en indeelingen, en grijpt eene +nieuwe verdeeling plaats. Daar de gemeente eene zuivere republiek +is, waar alle hoofden van huisgezinnen gelijk zijn en geheel gelijke +rechten hebben, moet ieder zijne stem uitbrengen in den raad, en moet, +bij de verdeeling van het land, ook zorgvuldig op alle aanspraken +worden gelet. Het geheel wordt in zoovele deelen gesplitst, als +er huisgezinnen in het dorp zijn, waarbij tevens gelet wordt op de +hoedanigheid van den grond en den meerderen of minderen afstand van +de woning. + +Maar evenals de behoeften, waarin voorzien moest worden, verder +reiken dan het dorp, zoo heeft ook het beginsel van associatie +zijne werking verder uitgestrekt. Acht of tien gemeenten vereenigen +zich, en vormen te zamen een soort van kanton of kerspel; tien of +twaalf kantons vormen op hunne beurt een _wolost_ of distrikt. Deze +afdeelingen hebben wederom haar eigen bestuur en organisatie, en zijn +ook metterdaad zelfstandige republieken. + +Sinds overoude tijden zijn de leden dezer landelijke democratiën in het +bezit van zekere rechten, waarvan de oorsprong misschien betwistbaar +is, maar waaraan een wijs en voorzichtig staatsman toch niet dan +bij volstrekte noodzakelijkheid raken zal. Zij kiezen hunne eigene +overheden, hebben hunne eigene rechtbanken, en leggen eigenmachtig +boeten en straffen op. Zij beleggen openbare vergaderingen, waar de +gemeenschappelijke belangen en aangelegenheden besproken en besluiten +genomen worden. Zij hebben macht over alle leden der vereeniging, +onverschillig of die rijk dan wel arm zijn. Zij mogen hunne oudsten +afzetten, en anderen in hunne plaats benoemen. Zulk een boersche +republiek is eigenlijk niet anders dan eene uitbreiding van het +patriarchale huisgezin, en daarom in het bezit van rechten en +bevoegdheden, die de keizer niet gegeven heeft, en die hij ook niet +durft ontnemen. + +Het dorpsopperhoofd voert den titel van oudste, _starosta_. Hij +wordt door de boeren uit hun midden gekozen, en wel voor den tijd +van drie jaren; echter brengt de gewoonte mede, dat hij na verloop +van dien tijd weder herkozen wordt; en het is niet zeldzaam dat +iemand deze waardigheid van zijn veertigste jaar tot aan zijn dood +bekleedt. Ieder is als starost verkiesbaar: maar de regel is dat de +rijkste boer daartoe gekozen wordt, en de vreemdeling, die in een of +ander dorp den oudste wil spreken, zal zich maar zelden vergissen als +hij zijne tarantasse voor het grootse huis doet stilstaan.--Moet er +een starost gekozen worden, dan komen de boeren samen in eene kapel, +in een schuur of in de herberg; zij fluisteren elkander den naam van +den uitverkorene in het oor; dan volgt een luid gejuich en handgeklap; +en wanneer de man hunner keuze het hoofd heeft gebogen, ten teeken +dat hij zijne benoeming aanneemt dan drukt men elkander de hand, +en wordt de plechtigheid besloten met een drinkgelag. Hoewel zijne +betrekking als een eerambt beschouwd, en dus niet bezoldigd wordt, +is de starost niettemin de verantwoordelijke persoon, die voor +alles heeft te zorgen, en wien elk onheil en elke ongeregeldheid +verweten wordt. Somwijlen, maar niet dikwijls, tracht een rijke boer +zich aan de keuze te onttrekken; doch de gemeente heeft recht op de +dienstvaardigheid en toewijding harer leden, en wie weigert aan haar +roepstem te beantwoorden, moet boete betalen. + +Deze door het dorpsparlement verkozen magistraatspersoon is bekleed +met een hoogst eigenaardig, moeilijk te omschrijven gezag: hij is +half burgemeester, in den europeeschen zin, en half sheikh, in de +arabische beteekenis van dat woord. Hij is een door de wet erkende +overheidspersoon, en tevens een soort van familiehoofd, een patriarch, +die vaderlijke rechten uitoefent. Sommige van zijne functiën liggen +geheel buiten de wet, ja zijn daarmede zelfs in strijd. Zoo heeft +een starost, in zijn vierschaar gezeten, het recht behouden, iemand +tot den knoet te veroordeelen. Niemand anders in geheel Rusland; +noch de landheer op zijne goederen, noch de generaal in zijn kamp, +noch de koopman in zijn winkel, noch de reiziger in zijn slede, +heeft het recht zijn onderhoorige te slaan. Dit verbod, door den +tegenwoordigen keizer uitgevaardigd, wordt streng gehandhaafd: maar +een starost kan, gesteund door den dorpsraad, het keizerlijk gebod +straffeloos overtreden en de wet trotseeren. + +Hoewel de rechten dezer gemeenten in de laatste jaren eenigermate zijn +ingekort, zijn zij toch nog, in menig opzicht, buitengewoon groot. Is +de vergadering der familiehoofden van oordeel, dat iemand niet langer +waardig is, lid der gemeente te zijn, dan kan zij den veroordeelde in +handen der politie overleveren, en naar de naastbijgelegen stad laten +brengen. Hij is van nu voortaan een balling en zwerver. Uitgeworpen +door zijne gemeente, heeft hij geen plaats meer in de maatschappij; +hij kan zich niet in eene stad vestigen, noch in een ander dorp gaan +wonen, hij is een vagebond, een verworpeling die buiten de menschelijke +samenleving staat. De gouverneur der provincie, gesteld dat hij +zich de zaak aantrekt, kan weinig voor hem doen. Hij kan de gemeente +niet dwingen, den uitgeworpene weder op te nemen; zijn al de vormen +behoorlijk in acht genomen, dan is de uitspraak van de dorpsvierschaar +onherroepelijk; en den getroffene blijft bijna geen andere keus over, +dan soldaat te worden, of zijn geluk te gaan beproeven in de mijnen +van Siberië.--In ernstige gevallen, waarbij de rechtbanken betrokken +zijn, heeft de gemeente het recht, het uitsproken vonnis te herzien +en zelfs te vernietigen. Gesteld, iemand wordt beschuldigd een schuur +in brand te hebben gestoken. Op last van den starost gegrepen en aan +de politie overgeleverd, wordt bij naar de stad gebracht, waar de +rechtbank is gevestigd, die zijne zaak onderzoeken moet. Na verhoor +van getuigen en nauwkeurig onderzoek, wordt hij vrijgesproken. Meen +nu echter niet, dat hij, krachtens deze vrijspraak, veilig naar zijne +hut en zijn akker kan terugkeeren. De gemeente is bevoegd, hem niet +meer in haar midden te ontvangen. De dorpsraad kan het vonnis des +rechters vernietigen, de zaak nog eenmaal onderzoeken, en den man, +in zijn afwezigheid, veroordeelen, niet alleen tot het verlies van +zijn huis en land, maar ook van zijn stand en goeden naam. + +De gemeente heeft nog andere rechten. Geen harer leden mag zijn dorp +verlaten, zonder de toestemming van de vergadering en zonder een +paspoort van den starost, die hem ieder oogenblik kan terugroepen, +ook zonder opgave van redenen. Weigert hij te komen, dan wordt hij uit +de gemeente gebannen. Bij de vergunning is tevens een termijn gesteld, +gedurende welken zij geldig zal zijn: een maand, soms drie maanden, +echter nooit langer dan een jaar. Is die termijn verstreken, dan moet +de afwezige naar zijne gemeente terugkeeren, op straffe van door de +politie te worden aangehouden als een landlooper zonder paspoort. + +Eenmaal in het jaar wordt eene algemeene vergadering gehouden, +waarop ieder bezitter van een huis en erve het recht heeft gehoord te +worden. De stemming is geheim. Ieder lid heeft het recht een voorstel +te doen, dat de oudste, die tevens de voorzitter der vergadering is, +aan hare beslissing moet onderwerpen. Somwijlen wordt een onpopulaire +starost afgezet, en een ander in zijne plaats gekozen. Natuurlijk +ontbreekt het ook in deze dorpsparlementen niet aan punten van +verschil; vooral als het op de verdeeling der landerijen, op den +omslag der belastingen, de levering van recruten, het onderhoud +der wegen en dergelijke zaken aankomt, kan het er soms heftig +toegaan. Wat men de buitenlandsche aangelegenheden der republiek zou +kunnen noemen--de groote wegen, de visscherijen, de exploitatie der +wouden--wordt geregeld, niet met de keizerlijke ambtenaren, maar met +de afgevaardigden van den kanton en het district (wolost), die zich op +hunne beurt rechtstreeks in betrekking stellen met den gouverneur, +den generaal en de hoofden der politie. De minister richt zich +niet tot de afzonderlijke gemeenten, noch minder tot de individuen: +wanneer het bedrag der belasting en het cijfer van het contingent +zijn vastgesteld, wordt daarvan door de regeering kennis gegeven aan +het district en het kanton, die voor de verdere verdeeling en levering +hebben te zorgen. De kroon zendt hare bevelen: het geld wordt betaald, +de manschappen worden geleverd. Dit stelsel is zoo eenvoudig en zoo +afdoende, dat tot dusver niemand de hand heeft durven of willen slaan +aan de rechten en de inwendige huishouding dezer republieken. + +Deze gemeentelijke organisatie is iets geheel oorspronkelijks en +heeft ook niets met de naburige steden te maken. De menschen, die in +deze hutten leven, deze velden bebouwen, in deze wateren visschen, +vormen eene maatschappij op zich zelf. Hunne wetten zijn niet anders +dan overlevering en gewoonte; hunne vrijheden en rechten zijn ouder +dan iemand heugt. Zij stellen zelf hunne belastingen vast, en maken +hunne eigene wetten; alleen zeer ernstige gevallen uitgezonderd, +spreken zij zelf recht, leggen boeten en straffen op, zenden de +schuldigen naar Siberië, en roepen zoo noodig de hulp is van de +overheid om hunne besluiten ten uitvoer te leggen. + +Ten aanzien van het nut dezer inrichting en de wenschelijkheid om haar +in stand te houden, zijn de gevoelens in Rusland verdeeld. Mannen, wier +meeningen op alle andere punten uit elkander loopen, zijn eenstemmig +in den lof dezer zelfstandige gemeenten. Anderen, die het in alles met +elkander eens zijn, verschillen geheel ten aanzien van de deugden en +gebreken dezer instelling. Velen van de bekwaamste en uitnemendste +hervormers wenschen niets liever dan den bloei en de ontwikkeling +dezer gemeenten: vurige aanhangers der monarchie, zoo als Samarin en +Cherkaski, ijverige republikeinen, zoo als Herzen en Ogareff, zien +in deze landelijke gemeenebesten de vruchtbare kiemen eener nieuwe +beschaving, die zoowel voor het Oosten als voor het Westen gezegende +vruchten zal dragen. Daarentegen kunnen wetenschappelijke mannen, +zoo als Valouef, Bungay en Besobrasoff, in deze gemeenten niet dan +kwaad zien; in hunne oogen is deze geheele inrichting niet anders +dan een overblijfsel van vroegere barbaarsche tijden, dat met den +voortgang der beschaving en verlichting verdwijnen moet. + +Ontegenzeggelijk zijn aan dit stelsel der zelfstandige gemeenten +voordeelen verbonden, die niet gering zijn te achten. De ministers van +oorlog en van financiën zullen wel de eersten zijn om deze voordeelen +te waardeeren: want, waar het er op aankomt, op de spoedigste en +goedkoopste manier belastingen te innen en contingenten voltallig +te maken, is het natuurlijk veel verkieslijker met vijftig duizend +starosten dan met vijftig millioen boeren te doen te hebben. Ook de +minister van justitie kan niet anders dan met welgevallen denken aan +dat heirleger onbezoldigde bewakers van de openbare rust en veiligheid, +wier eigenbelang het medebrengt een wakend oog te houden op allen, +die gevaar loopen van het rechte pad te dwalen.--Maar deze voordeelen +zijn toch slechts van ondergeschikten aard, en tot verdediging der +gemeenten valt nog wat anders en wat gewichtigers te zeggen. Een +stelsel van landbezit, dat aan iederen gehuwden man een aandeel in den +gemeenschappelijken grond verzekert, is bij uitnemendheid geschikt tot +aankweeking van dien orde- en vredelievenden, waarlijk conservatieven +geest, die een onmisbaar element is in iedere maatschappij. Er +is misschien geen volk op aarde, dat meer dan het russische aan +oude inzettingen en gebruiken is gehecht, en vuriger den vrede +wenscht. Waar ieder landbezitter is, daar is uit den aard derzaak +de kanker van het pauperisme onbekend; en Rusland heeft dan ook tot +dusver weinig of geen behoefte gevoeld aan armenwetten en werkhuizen, +want de noodlottige kwaal, die men met deze toch altijd onvoldoende +middelen poogt te bestrijden, bleef hier nog onbekend. Hier vindt +ge, althans op het land, geene steeds aangroeiende klasse van niets +bezittende proletariërs, die uitsluitend van den arbeid hunner handen +moeten leven: ieder hoofd van een huisgezin heeft zijn eigen hut, +zijn koe, zeer dikwijls zelfs zijn paard en wagen. De leden der +gemeenten zijn allen onderling gelijk, en hebben volkomen dezelfde +rechten en verplichtingen; zij moeten elkander bijstaan en te zamen +de gemeenschappelijke lasten dragen. De luiaard of doorbrenger kan wel +zich zelf ongelukkig maken, maar hij sleept althans zijn gezin en zijne +kinderen niet in zijn ondergang mede. Dezen behouden hunne plaats in de +gemeente, en wanneer zij volwassen zijn, ontvangen ook zij hun aandeel, +en kunnen voor eigen rekening en onder eigen verantwoordelijkheid +een nieuw leven beginnen. De dronkaard en leeglooper sterft, zonder +eene bijna onontkoombare erfenis van armoede, schande en misdaad na +te laten. De gemeenten kweeken de groote deugden van ouderliefde en +eerbied voor de grijsheid aan; zij houden het gevoel van broederschap +en gelijkheid levendig, het heilzaam bewustzijn der onderlinge +afhankelijkheid en der noodzakelijkheid van wederkeerig hulpbetoon, +den geest van onverbreekbare solidariteit, die alle leden van een groot +geheel behoort saam te binden. Zij werpen een zeer hechten dam op tegen +het veldwinnend individualisme, dat onze westersche maatschappijen met +volslagen ontbinding dreigt, en zijn tevens eene uitmuntende school +voor zelfregeering en ter oefening in alle eigenschappen, die voor +de verkrijging en handhaving der ware vrijheid onontbeerlijk zijn. + +Daar is echter eene keerzijde. Vooreerst zijn de afzonderlijke leden +der gemeente te zeer aan de willekeur hunner medegenooten overgeleverd, +die van hunne macht bijwijlen erg misbruik kunnen maken. Ook voeden +en onderhouden deze gemeenten een geest van bekrompen particularisme: +zij maken scheiding tusschen dorpen en steden, tusschen standen en +beroepen, en geven voet aan de gevaarlijke dwaling, dat er een staat +in den staat kan zijn. Geheel in zijne eigene republiek levende en +zich daarin als verliezende, is de boer maar al te zeer geneigd, den +stedeling als een wezen van lager rang te beschouwen, die onder eene +andere bedeeling leeft, en aan een ander gezag gehoorzaamt. Want in +waarheid bestaat er tusschen zijne inzettingen en wetten en die der +burgers van de naburige stad, een zeer groot verschil. + + + +XVI. + +DE STEDEN--KIEW. + + +De steden hebben met de verdeeling van het land in kantons en +distrikten niets te maken; zij staan geheel op zich zelf, en worden +naar gansch andere beginselen en door andere wetten bestuurd. De burger +eener stad heeft het recht, dat een boer niet heeft, om vrijelijk +handel te drijven en een of ander bedrijf uit te oefenen; hij mag +lid worden eener broederschap of zich in een gilde doen opnemen; +maar hij is al evenzeer aan zijn bedrijf gebonden als de landbouwer +aan den hem toegewezen grond. Zijne woning is dikwijls uit planken +getimmerd, zijne straten zijn met hout geplaveid; maar die woning +is groen of rooskleurig geschilderd, en die straten zijn ruim en +netjes onderhouden. De stad is niet vrij, en heeft niet het recht, +zich zelf naar eigen inzettingen te besturen: zij staat rechtstreeks +onder het gezag der regeering; het dorp is eene kleine republiek, de +stad is een onderdeel van bet rijk en als zoodanig aan de algemeene +rijkswet ondergeschikt. + +Met uitzondering van vijf of zes groote hoofdsteden, vertoonen +alle russische steden volkomen hetzelfde karakter; en wanneer ge, +in verschillende deelen des rijks, er twee of drie gezien hebt, +dan kent gij ze alle. Neem welke stad van den tweeden rang gij wilt, +in de gansche uitgestrektheid van Groot-Rusland, en overal zult gij +hetzelfde vinden. Tien tegen een, dat de stad aan eene rivier ligt: +dan zijn altijd de eerste voorwerpen, die uwe aandacht trekken, +een klokketoren, een gevangenis, een vischmarkt, een bazar en eene +kathedraal. Langs den oever, boven en beneden de stad, verrijzen +kloosters. Eene schipbrug verbindt de beide oevers; en voor de +eigenlijke stad ligt eene armoedige voorstad. De haven is opgevuld +met schuiten en vlotten; de eerste brengen visch, de andere hout +aan. Welk een drukte en beweging op de kaai! Hoe ernstig, hoe smerig, +hoe armoedig zien al deze lieden er uit. Hun droefgeestige ernst +is een gevolg van het klimaat; hunne smerigheid herinnert u dat gij +het Oosten nadert. Zij hebben het niet ruim: de mindere man eet niet +veel vleesch: zelfs op gewone dagen, als hij niet behoeft te vasten, +bestaat zijn maaltijd uit een stuk roggebrood en stokvisch. Zie, wat +hij al niet doen wil om een kopek machtig te worden. Een russische +werkman is iemand met wien ge gaarne te doen hebt: altijd gewillig +en vol goeden moed; steeds gereed om u genoegen te doen; beleefd +en voorkomend: maar ge kunt er nooit op rekenen dat hij zijn woord +zal houden. Van de waarde van den tijd heeft hij geen flauw begrip; +en als hij beloofd heeft, u tegen tien uur in den morgen uw jas te +zullen zenden, moet ge u volstrekt niet verwonderen, zoo ge dien eerst +tegen elf uur des avonds krijgt. Ge kunt hem met geen mogelijkheid +aan het verstand brengen, dat dit verkeerd is. + +Een sterke, onaangename lucht van olie en zout, van fruit en azijn, +van afval en visch komt u tegen, zoodra ge de markt betreedt. De +voornaamste handelsartikelen zijn brood, zout, visch, aardewerk, tinnen +schotels, spijkers en heiligenbeelden. De straat is bijna één groote +modderpoel, waarboven hier en daar enkele groote steenen uitsteken. Het +kost moeite, vooruit te komen; natuurlijk valt er niet aan te denken, +uwe laarzen schoon te honden.--De vischvrouwen zijn forsche, kloeke +gestalten, die er, in haar overjas van schapevellen en haar wijden +broek van hertsleder, geheel als mannen uitzien, en bezwaarlijk van +hare echtgenooten zouden zijn te onderscheiden, indien deze laatsten +geen baarden hadden, waaraan iedere man in Rusland te herkennen is. + +Van de winkels in den bazar ziet ge niet veel meer dan donkere +openingen in den muur, die eene sterke gelijkenis vertoonen met de oude +moorsche winkels te Sevilla en te Grenada; de koopman staat voor zijn +toonbank, en maakt u opmerkzaam op zijn armoedigen voorraad van platen +en snuisterijen, zijn potten en pannen, zijn heiligenbeelden, zijne +kandelaars en zijn pakken speelkaarten. Na tarwebrood en zoute visch, +zijn heiligenbeelden en speelkaarten de meest gezochte artikelen; +want in Rusland is ieder even ijverig bij het kaartspel als bij het +gebed: allen spelen, de edelman in zijn club, de koopman in zijn +winkel, de bootsman in zijn vaartuig, de pelgrim onder het kruis +langs den weg. De hartstocht voor het gebed en die voor het spel zijn +misschien voor een deel uit dezelfde oorzaak te verklaren, namelijk +uit een zeker bijgeloovig vertrouwen op de macht van het onzienlijke, +van het bovennatuurlijke en toevallige, van hetgeen aan de gewone +menschelijke berekening ontsnapt. Bijna iedereen in Rusland speelt +boven zijn vermogen; en het is volstrekt geen zeldzaamheid dat een +gezeten burger de speeltafel niet verlaat, dan na eerst zijn geld, +dan zijn laarzen, zijn muts, zijn kaftan, in één woord zijn gansche +kleeding tot zijn hemd toe, te hebben verspeeld. Spel en sterke drank +zijn voor een Rus twee onwederstaanbare verzoekingen. + +Maar hoezeer deze spelers ook in hun spel verdiept mogen zijn, +dadelijk werpen zij toch hunne kaarten neder, nemen hunne mutsen af en +vallen op hunne knieën, wanneer de priester, met zijn heiligenbeeld en +zijn kruis, nadert. Het is marktdag in de stad, en de pope is op weg +naar den een of anderen nieuw geopenden winkel in den bazar; dien hij +zegenen moet. Zulk een wijding is eene zeer eigenaardige plechtigheid, +vol aantrekkelijke, roerende poëzie. De pope, vooraf gewaarschuwd, +bepaalt den dag en het uur, zoodat de vrienden en buren gelegenheid +hebben, de plechtigheid bij te wonen. Is het oogenblik nu gekomen, dan +neemt de priester zijn kruis van het altaar; een koorknaap ontsteekt +den wierook; en voorafgegaan door een voorlezer en diaken, gaat de +priester naar de woning, tusschen twee rijen van knielende mannen en +vrouwen, waarvan de meesten hem, opstaande, volgen, ten einde bij de +inzegening tegenwoordig te zijn. + +In het huis of den winkel gekomen, reinigt de priester eerst het +vertrek door het uitspreken van een formuliergebed; dan zegent hij +den eigenaar of bewoner, en wijdt eindelijk het gebouw door op de +eereplaats het beeld op te hangen van den patroon des bewoners, zoodat +voortaan niets in deze woning geschieden kan, dan onder het oog en als +in tegenwoordigheid van dien beschermheilige. Hoe weinig beteekenend +ook als kunstwerken, oefenen toch deze beelden een machtigen invloed +uit. Niet ver van Tambow woonde eene oude dame, die hare eigenhoorigen +met zeldzame hardvochtigheid behandelde, tot eindelijk de ongelukkigen, +door voortdurende mishandelingen tot wanhoop gedreven, op zekeren nacht +in hare kamer drongen, en haar aankondigden dat zij sterven moest. Van +haar bed springende, greep zij haastig het heilige beeld, dat aan +den wand hing, en hield dit haar aanvallers voor, hen uittartende +om de Moeder Gods te slaan. Van ontzag bevangen, lieten zij hunne +knuppels zakken en vloden uit het huis. De onvoorzichtige vrouw, door +deze zegepraal verblind, hangt nu het beeld weder aan den muur, slaat +haar overkleed om, en gaat naar buiten, haar lijfeigenen achterna;--en +deze, ziende dat zij haren talisman niet meer bij zich heeft, vallen +met luid geschreeuw op haar aan en dooden haar. + +Bij eene wandeling door de stad, kunt ge niet nalaten getroffen te +worden door het groote aantal drankwinkels en de menigte beschonkenen, +die gij ontmoet. De tegenwoordige keizer heeft den brandewijn--waarvan +de verkoop een staatsmonopolie is--met water doen aanlengen, en den +prijs van een glas op vijf kopeks in plaats van vijftien bepaald. Die +verandering valt niet in den smaak der echte drinkebroers, die hun +aangelengden brandewijn minachtend _dechofka_--een koopje--noemen; maar +eenvoudiger zielen zijn den tsaar dankbaar voor zijne gave. "Is hij +niet goed, onze tsaar, zeggen zij, dat hij ons drie glazen geeft voor +hezelfde geld als vroeger een glas kostte?"--Toch, hoe slap hij wezen +moge, is eene betrekkelijk kleine hoeveelheid brandewijn voldoende om +den Rus van de been te helpen; want zijn maag is leeg, zijne zenuwen +zijn verslapt, en zijn bloed is arm. Ware hij beter gevoed, dan zou +hij minder behoefte aan prikkelende dranken hebben. Gelukkig zijn de +Russen, als zij dronken zijn, over het algemeen niet twistziek; zij +lachen en zingen, en hebben eene onweêrstaanbare behoefte elkander +te omhelzen, wat meermalen tot dwaze tooneelen aanleiding geeft. + +De oudste en voornaamste steden van Rusland, hare heilige plaatsen +en metropolen, lang voordat het Kremlin aan de oevers der Moskowa, of +het Winterpaleis aan de boorden der Newa verrees; hare gewijde en door +de dichterlijke legende verheerlijkte steden, zijn nog altijd Kiew en +Nowgorod: de eerste de grondzuil van haar geloof, de andere van haar +wereldlijke macht. Te Kiew verheft zich de vergulde koepel, die nog +altijd getuigt van de bekeering van Rusland tot de Kerk van Christus; +in het Kremlin van Nowgorod prijkt de bronzen groep, opgericht bij +de gedachtenisviering van het duizendjarig bestaan des rijks. + +Kiew, de oudste russische bisschopszetel, ligt niet in eigenlijk +Rusland, en verschillende geschiedschrijvers hebben haar, niet +geheel ten onrechte, als eene poolsche stad beschouwd. De inwoners +zijn Ruthenen, en de stad zelf was eeuwen lang eene schitterende +parel in de kroon der Jagellonen. De vlakte, die zich, onafzienbaar +ver, voor de poorten van Kiew uitstrekt, is de steppe van Ukraine, +het vaderland der Kozakken: het land der hetmannen en van Mazeppa, +rijk aan dramatische legenden, aan hartstochtelijke liederen, ter +eere der vrijheid en van het wilde nomadenleven. Het volk behoort +tot den poolschen stam, en de zeden zijn poolsch. Toch staat hier de +bakermat dier kerk, die geheel het maatschappelijk en huiselijk leven +in Rusland naar haar beeld gevormd, van haar geest doordrongen heeft. + +De stad bestaat uit drie wijken of liever drie afzonderlijke steden: +Podol, Vitch-Gorod en Petchersk. Alle drie zijn opgevuld met kantoren, +magazijnen, bureaux, winkels, kloosters; maar toch is Podol meer +bepaaldelijk de zetel van den handel en de nijverheid; Vitch-Gorod +is de officiëele wijk, waar de regeeringscollegiën zijn gevestigd; +Petchersk is de heilige stad, het doelwit der pelgrims. Deze +drie steden verheffen zich op eene steile hoogte, aan den oever +van den Dnjeper; zij tellen eene bevolking van ongeveer zeventig +duizend zielen, en bevatten, in twee verschillende heiligdommen, +de stoffelijke overblijfselen van dien heidenschen Grootvorst, die +sedert haar voornaamste heilige is geworden. + +Kiew is eene stad van legenden en wondervolle gebeurtenissen. Wat al +herinneringen dringen zich hier aan uwe geest op: de prediking van +Sint-Andreas, de teedere vroomheid van Sinte-Olga, de bekeering van +Sint-Wladimir, de inval der Mongolen, de poolsche overheersching, +de herovering en bevrijding door Peter den Groote. De omliggende +provinciën zijn niet minder rijk in geschiedkundige herinneringen. De +Ukraine, het vaderland van Mazeppa en Gonta, weet te verhalen van +stroop- en plundertochten, van vijandelijke overvallen en verrassingen, +van geplunderde steden en geblakerde woningen, van blijde zegetochten +en van overhaaste vlucht. Elk dorp heeft hier zijne eigene legende; +iedere stad haar eigen heldenzang van liefde en krijg. Het geheele +land is vol herinneringen, leeft als 't ware een eigen romantisch +leven. Hier, waar die kapel verrijst, werd een grootvorst vermoord; +deze heuvel is de grafstede van eene tartaarsche horde; op gindsche +vlakte werd een veldslag tegen de Polen geleverd. De mannen zijn +krachtiger en opgewekter; de huizen zijn beter gebouwd, en de velden +beter bearbeid, dan in het oosten en noorden. De muziek is levendiger, +de brandewijn sterker, de liefde vuriger, de haat onverzoenlijker, +dan elders in het groote rijk. + +Evenals alle steden van zuidelijke Rusland, viel ook Kiew in de +macht van Batoe-Khan, den mongoolschen veroveraar, en zuchtte eeuwen +lang onder de ijzeren roede der aziatische begs. Deze begs waren +afgodendienaars; en onder hunne heerschappij moesten de kinderen +van Sint-Wladimir bittere beproevingen ondergaan: maar Kiew mag er +zich op beroemen dat zij, ook in de donkerste dagen der vervolging, +in haar nederige kerken en onderaardsche katakomben, het heilige +vuur des geloofs voor volslagen vernietiging heeft bewaard.--Aan den +voet van twee hooge heuvels, op drie mijlen afstands van Vitch-Gorod, +waar Wladimir zijn harem bouwde en een standbeeld oprichtte ter eere +van zijn heidenschen afgod, hadden eenige christelijke kluizenaars, +Antonius, Feodosius en hunne volgelingen, zich in de rots cellen +en woningen uitgehouwen, waar zij jaren lang een godzalig leven +leidden en als heiligen stierven. De plaats waar deze onderaardsche +woningen werden aangelegd, ontving den naam van Petchersk naar +het woord _petchera_, dat kelder beteekent. Mettertijd verrezen +twee kloosters boven die cellen, waar de vrome kluizenaars hadden +geleefd; die kloosters werden aan Antonius en Feodosius gewijd, nu +de beschermheiligen van Kiew geworden, en weldra alom vereerd als de +vaders van allen, die in Rusland het kloosterleven omhelzen. + +Met graszoden belegde en met boomen beplante glooiingen scheiden +het eerste klooster, dat van Antonius, aan de eene zijde van de oude +stad, en aan de andere zijde van het klooster van Feodosius. De beide +groote kloosters, in een edelen stijl gebouwd, behooren wel tot de +schoonste en statigste bouwgewrochten in oostelijk Europa. Vergulde +koepels en torens verheffen zich boven ieder heiligdom; de muren zijn +beschilderd met tafereelen uit de levens der heiligen. De grond zelf is +hier heilig. Meer dan honderd kluizenaars sluimeren in de katakomben; +en onder den grond, in al de vele nissen in den donkeren muur, rusten +heiligen, wier lichamen, naar het zeggen der monniken, onverderfelijk +zijn. In het klooster van Sint-Antonius toont men u den schedel van +Sint-Wladimir: dat wil zeggen, een stuk fluweel, waarin zijn hoofd +gewikkeld is. Men verzekert u, dat de huid nog ongerimpeld, de spieren +nog veerkrachtig, het geheele hoofd nog ongeschonden en welriekend +is. Het is natuurlijk voor een vreemdeling niet wel mogelijk, zich +van de waarheid dezer bewering te overtuigen: hetzij ten aanzien van +het hoofd van Sint-Wladimir, hetzij ten aanzien der honderde lijken, +die in de onderaardsche gangen en gewelven worden bewaard. Ge bekomt +toch niets anders te zien, dan een lijkkist, een fluweelen kleed en +een opschrift in het Slavonisch; alles hangt dus af van de mate van +geloof, die gij medebrengt. Vijftig duizend pelgrims, voornamelijk +Ruthenen uit de volkrijke provinciën Podolië, Kiew en Wolhynië, +trekken iederen zomer in bedevaart naar deze heilige plaatsen. + +Toen Kiew het juk der Tartaren had afgeschud, maakten de wisselvallige +kansen van den oorlog haar tot eene poolsche stad, in plaats van eene +moskovische, zooals zij eigenlijk was. Losgerukt van den oostelijken +tak van den grooten slavischen volksstam, werd zij bij den westelijken +ingelijfd. Nooit was Kiew russisch geweest, zooals Moskou russisch +was; eene ruwe, barbaarsche stad, met eene bevolking van handelaars +en boeren, en de zetel van een half tartaarsch hof; en nu zij dus +in rechtstreeksche verbinding met het Westen werd gebracht, werd zij +gaandeweg een tweede Praag. Eeuwen lang kweekte zij in haar schoot de +kunsten en wetenschappen der westersche beschaving; en toen zij door +Peter den Groote weder met Rusland werd vereenigd, was zij niet alleen +de schoonste parel in zijne kroon, maar ook een vereenigingspunt voor +alle takken en afdeelingen der groote slavische nationaliteit. + +Geen andere binnenlandsche stad van Rusland is zoo schilderachtig en +zoo gunstig gelegen. Van haar hooge heuvelen overziet zij de wijd +uitgestrekte steppe, en beheerscht zij den statigen, koninklijken +stroom. Zij is de hoofd- en havenstad van de Ukraine; zij raakt +Polen met haar rechter-, Rusland met haar linkerhand; zij steunt +tegen Gallicië en Moldavië, en keert haar aangezicht naar Servië en +Bulgarije. Zij is, als het ware, een kort begrip der geheele Slavische +wereld. Haar bevolking bestaat voor een derde uit Moskovieten, +voor een derde uit Russen, voor een derde uit Polen; zij herbergt in +haar schoot de belijders der orthodoxe kerk, benevens katholieken en +Vereenigde-Grieken. Meer dan eenige andere stad in Europa, zou Kiew +aanspraak hebben op den rang van hoofdstad van het groote Slavische +rijk, wanneer de droom van het Panslavisme immer voor verwezenlijking +vatbaar was. + +Op dit oogenblik schijnt die verwezenlijking verder verwijderd dan +ooit. Tot voor korten tijd vormden de panslavistische droomers eene +afzonderlijke partij in den staat; en nog op dit oogenblik hebben +zij aan het hof vermogende vrienden. Hun leus is, Panslavonië voor +de Slavoniërs; of liever, de verschillende stammen van den grooten +slavischen stam,--één staat, onder één hoofd: de slavische eenheid +alzoo. Twee jaren geleden, riepen de leiders van deze partij te Moskou +een congres bijeen, waarop zij in de eerste plaats hunne landgenooten +uitnoodigden, van de Witte- tot de Zwarte-zee, van den Weichsel tot +den Amoer; en voorts vertegenwoordigers van alle slavische stammen, +die onder vreemden schepter leven:--de Czechen van Praag, de Polen +van Krakau, de Bulgaren van Sjoemla, de Montenegrijnen van Cettinje, +de Serviërs van Belgrado; maar juist deze algemeene vergadering +te Moskou deed de oogen van verstandige en gematigde mannen +opengaan voor de onpraktische en zelfs gevaarlijke zijde van dit +panslavistisch streven. Op den bodem ligt een diep gewortelde afkeer +van het eigenlijke russische leven, zooals het in den loop des tijds +geworden is. Deze droomers zien verlangend uit naar andere vormen, +die, zooals zij zeggen, door een hooger en edeler nationaal leven +zullen worden bezield. + +Evenals de oud-geloovigen, willen ook de Panslavisten niets weten +van den keizer, en kennen zij alleen den tsaar. Ook voor hen is +Peter de Groote de Antichrist, en het welslagen zijner doortastende +hervormingen beschouwen zij als een tijdelijke zegepraal van den +booze. Daarom kanten de Panslavisten zich tegen alles wat Peter heeft +gedaan, en tegen bijna alles wat zijne opvolgers op den troon hebben +verricht. Zij wenschen alle vreemde elementen uit hun midden weg te +doen: zij verlangen hunne oude nationale hoofdstad terug; zij vragen +vrijheid om hunne baarden te laten groeien, om bonte mutsen en hooge +laarzen te dragen, zonder deswege bespot of gekweld te worden. Zoowel +de oud-russische als de jong-russische partij verzet zich echter tegen +het streven dezer panslavistische dweepers, die, terwijl zij breken met +het verleden van Rusland sedert de laatste anderhalve eeuw, tegelijk +alle denkbeelden en vorderingen der westersche beschaving hardnekkig +verwerpen, en een onmogelijke hersenschim najagen, waaraan zij alle +wezenlijke en praktische verbeteringen en hervormingen opofferen. + + + +XXI. + +ALEXANDER. + + +De Krimoorlog heeft aan het russische volk zijn eigen nationaal leven +teruggegeven. "Sebastopol!" zeide mij een hoofdofficier, "Sebastopol +is gevallen, opdat ons land vrij zou zijn." Het tartaarsche rijk, +door Iwan den Verschrikkelijke gegrondvest, door Peter den Groote +hervormd, bleef in het wezen der zaak bestaan, ondanks europeesche +namen en vormen, tot op het oogenblik dat de verbonden legers in de +Krim landden. Geslagen aan de Alma en te Balaklava, streed dat rijk +zijn laatsten kamp op de hoogten van Inkermann; naar tartaarsche wijze, +zond daar het oude Rusland zijne laatste "groote horde" in die vallei +van Baidar, waar in de holen en rotskloven nog enkele overblijfselen +der stamgenooten van Batoe-Khan en Timoer huisvestten. Die laatste, +wanhopige worsteling was beslissend; wat na Inkermann volgde, was +betrekkelijk bijzaak. Het aziatische Rusland ging op dien bloedigen +winterdag te gronde; het europeesche Rusland trad in het leven. + +Hoewel nu en dan, door vreemde invloeden, verzacht en gekleurd, nu +eens door fraai klinkende woorden, dan weder door een zeker mystiek +patriotismus, bleef het oude tartaarsche stelsel van kracht tot op +de tegenwoordige regeering. In dit stelsel was de monarch alles, +het volk niets; het leger was een horde, de adel eene verzameling +van ambtenaren en officiëele personen, de kerk een afdeeling van het +departement van politie, de massa des volks een troep slaven. + +Nikolaas was aan dat stelsel gehecht, en met zijn vast karakter +en doortastende energie paste hij het toe, in eene mate en met +eene volharding als sinds de dagen van Peter den Groote niet was +gezien. Maar hierin verschilde hij van zijn voorganger, dat hij geen +voorliefde gevoelde voor de kunsten en wetenschappen der westersche +beschaving; hij had een hekel aan spoorwegen, en gevoelde een diepe +minachting voor de dagbladpers. Zijn hof geleek op een kamp; hij wilde +dat de studenten een uniform zouden dragen; de opvoeding was in zijne +oogen niet anders dan eene militaire africhtingsmethode. Hij zelf, +hij alleen, was de staat, de kerk, het leger, alles te zamen. Daar +hij zijn rijk wilde afsluiten, zooals de Khans van Khiwa en Bokhara +hunne staten afsluiten, had hij langs zijne grenzen een cordon van +troepen en wachters getrokken, die het den vreemdeling bijna even +moeielijk maakten in Rusland te komen, als den inboorling om daaruit te +ontsnappen; en zoolang hij regeerde, was zijn rijk voor het overige +der beschaafde wereld bijna een onbekend land, in geheimzinnige +nevelen gehuld. Die onbekendheid kweekte wantrouwen: want men is +steeds geneigd te vreezen hetgeen men niet kent; en Europa stond tot +dezen monarch bijna in dezelfde verhouding, als weleer Moskou stond +tegenover Timoer-Beg. Het russische regeeringsstelsel was mongoolsch, +niet slavisch; en de machtige autokraat, die dit stelsel handhaafde +en er mede te gronde ging, zal later in de geschiedenis bekend staan +als de laatste aziatische keizer en de laatste europeesche Khan. + +In welken toestand verkeerde het rijk, toen Alexander II den troon +beklom? Zijne macht was gebroken; de geallieerde legers stonden in zijn +land; zijne havens waren gesloten; zijne vloten waren in de diepte +der zee verzonken; zijne legers keer op keer geslagen. Van de Newa +tot den Theems zag hij geen enkelen vriend of bondgenoot, van wien +hij hulp en krachtige ondersteuning kon verwachten. Rusland had toch +een millioen soldaten onder de wapenen. Waarom kon deze ontzaglijke +krijgsmacht den vaderlandschen bodem niet beschermen? Zij waren in +hun eigen land, dat zij kenden, aan welks klimaat en eigenaardige +luchtsgesteldheid zij gewend waren. Zij vochten bovendien voor hetgeen +den mensch boven alles dierbaar pleegt te zijn. Vanwaar dan, dat zij +onvermogend waren zich te handhaven tegenover den minder talrijken +vijand, die op vreemden bodem streed, en wiens soldaten door geen +andere motieven dan de soldij en roemzucht gedreven werden? + +Keizer Nikolaas bekende, eer hij stierf, de waarheid: zij verscheen +hem in onmiskenbare trekken, bij het schijnsel zijner brandende steden, +bij zijne vluchtende legers, zijn machteloos kanonvuur. Hij begreep dat +hij niet enkel met vijandelijke soldaten te doen had; dat de publieke +opinie in geheel Europa tegen hem was, en dat het volk van lijfeigenen, +hetwelk hij met zoo strenge hand regeerde, niet vóór hem was. Rusland +was niet met hem. Hier lag de geheime oorzaak zijner ongeneeslijke +zwakheid. De lijfeigenen, de Oud-geloovigen, al de sectarissen van +wat naam ook, waren al te gader tegen hem; in hunne oogen was zijn +regeeringsstelsel iets anti-nationaals, ja bijna iets demonisch; en +nacht en dag rees hun gebed dat het uur der verlossing van deze booze +macht weldra mocht slaan. De ontdekking dat het volk hem, in zijn +strijd tegen de westersche mogendheden, met zijn leger alleen liet +staan, brak zijn hart. Toen zijn trots gebroken was, heeft Nikolaas, +naar men zegt, aan Alexander de oorzaken van zijn nederlaag, zooals +die zich voor hem ontsluierden, aangewezen, en heeft de stervende +keizer zijn opvolger vermaand een anderen en meer vrijzinnigen weg +in te slaan. Wie zal zeggen of dit verhaal waarheid behelst? Wie zal +de geheimen van dat sombere, tragische sterfbed openbaren? + +Wat hiervan zij, het is zeker dat de nieuwe souverein handelt alsof +hij zulk eene waarschuwing ontvangen heeft. Hij begon zijne regeering +met eene daad van barmhartigheid: de poorten van honderden kerkers +werden geopend; duizenden ballingen werd de terugkeer vergund. Met +de westersche mogendheden werd een eervolle vrede gesloten, en het +droombeeld van de inneming van Konstantinopel terzijdegesteld. Een +rijk van zeventig millioen inwoners mocht ook zonder dat sterk genoeg +geacht worden, om zijne positie te handhaven. + +Na aldus zich met het buitenland te hebben verzoend, keerde Alexander +zich naar het volk, aan zijne hoede toevertrouwd. De groote meerderheid +zijner onderdanen bestond uit lijfeigenen; nauwelijks een van de tien +kon lezen; nauwelijks een van de vijftig zijn naam teekenen. Een zeer +groot aantal hield zich buiten alle gemeenschap met de officiëele +kerk. De lijfeigenen werden verdrukt door de edelen; de Oud-geloovigen +werden geplaagd en vervolgd door de monniken: en toch vormden deze +twee klassen de eigenlijke kern en kracht des lands, toch waren zij +de natie zelve. Indien hij buiten het leger en buiten de officiëele +wereld, die den ondergang van het oude stelsel niet hadden kunnen +keeren, een steunpunt zocht, waar elders kon de keizer het vinden +dan bij de lijfeigenen ten platten lande, bij de Oud-geloovigen in +de steden? Maar hoe zou hij deze millioenen, verbitterd door lijden +en verdrukking, bezield door godsdiensthaat, met het rijk verzoenen, +en hunne sympathie voor zich winnen? + +De keizer wilde zelf en van nabij het volk leeren kennen, over hetwelk +hij geroepen was te regeeren; hij bezocht hunne steden en hunne dorpen; +hij mengde zich onder hen, en trok van de IJszee naar de Kaspische-zee, +van de Weichsel naar den Oeral; hij knielde nevens hen te Solowetsk en +te Troïtza; hij onderhield zich met hen op de openbare wegen en aan de +oevers der meren; hij sloeg hen gade in de wouden en mijnen: tot hij +zich overtuigd had dat hij beter bekend was met het russische land en +het russische volk dan een enkele zijner staatsdienaars. Met de aldus +verkregen kennis toegerust, ondernam hij de oplossing van het groote +vraagstuk der lijfeigenschap, en bracht die groote hervorming tot +stand, in spijt van de tegenwerking zijner ministers en raadslieden. + +Terzelfder tijd ondernam Alexander de hervorming van het leger. Hij +schafte den knoet af, en verbood het toedienen van stokslagen; hij +richtte scholen in de kazernen op, stelde ook voor niet-adellijken +ruimere gelegenheid tot bevordering open, en deed wat hij kon, +om, zoowel in een physiek als in een moreel opzicht, den soldaat +te verheffen. + +Ook de universiteiten ondergingen eene herschepping: de studenten +legden hunne zwaarden en uniformen af, en de bijzondere privilegiën, +aan hun korps toegekend, werden afgeschaft. Het universitair onderwijs +verloor den stempel der militaire dressuur; de leerstoelen werden +ingenomen door burgerlijke hoogleeraren; en de jonge lieden die de +colleges volgden, werden geheel gelijkgesteld met hunne medeburgers, +onderworpen aan dezelfde overheid en aan dezelfde wet. De hoogescholen +werden vrij, en de studenten werden niet langer gevreesd als "dienaars +van den tsaar." + +Deze hervorming werd gevolgd door eene andere, van nog veel grooter +gewicht voor het algemeen en dieper ingrijpende in het nationale +leven: die van het rechtswezen. De rechtspraak werd aan de politie +ontnomen, en uitsluitend aan de rechtbanken toegekend, die voortaan +alleen bevoegd zouden zijn, van alle overtredingen en misdaden +kennis te nemen en de schuldigen te vonnissen. In plaats van de +willekeur van een dikwijls omkoopbaren beambte, vond de aangeklaagde +nu de onpartijdigheid van een jury, bijgestaan door een met de wet +vertrouwden, wel onderwezen rechter. + +Ter zelfder tijd werden die plaatselijke parlementen ingesteld, +districts-vergaderingen en provinciale vergaderingen: die uitmuntende +leerscholen, waar de burgers leeren denken en spreken; de gronden voor +en tegen eene zaak overwegen en dienovereenkomstig beslissen; waar +vooral ook de groote kunst onderwezen wordt om afwijkende meeningen te +eerbiedigen en te waardeeren, en zich te oefenen in die eigenaardige +deugden van matiging en zelfbeheersching en praktischen zin, die voor +een gezond openbaar leven onmisbaar zijn. + +Eene groote, alles beheerschende vraag, meer dan eenige andere het +harte des volks rakende, bleef nog over. De bij uitnemendheid teedere +kerkelijke kwestie moest nog worden opgelost: de verhouding tusschen +de zwarte of reguliere en de witte of wereldlijke geestelijkheid; +de betrekking van de orthodoxe kerk met de Oud-geloovigen; van de +Heilige-Synode met de dissenters, en tevens de invloed, dien de kerk +rechtmatig over het onderwijs en de opvoeding behoort uit te oefenen, +en de verhouding van de kanonieke wet tot de burgerlijke. + +Men zou meenen dat in een land als Rusland elk dezer hervormingen op +zichzelf meer dan voldoende zou zijn om geheel een menschenleven te +vorderen; toch werden zij door dezen kloekmoedigen en edeldenkenden +monarch allen te zamen ter hand genomen. Ondanks den tegenstand van +de drie machtigste partijen in het rijk--de zwarte geestelijkheid, +die het gezag aan hare handen voelt ontglippen; de oude legerhoofden, +die vasthouden aan het denkbeeld dat de soldaten met den stok moeten +worden geregeerd; de spilzieke edelen, die aan het verblijf te Homburg +of te Parijs de voorkeur geven boven het eentonige leven op hunne +goederen;--ondanks dien tegenstand, zet de keizer, met onbezweken +volharding, zijne groote taak voort. Wat wonder dat hij aangebeden +wordt door de boeren, de burgers, de lagere geestelijkheid, door allen, +in één woord, die in vrede wenschen te leven, hun akker te bebouwen, +hunne zaken te behartigen en hunne gebeden op te zeggen. + +Inmiddels gaat de keizerlijke hervormer ongestoord zijn weg, alleen, +door zorgen gedrukt, door huiselijke rampen gebogen, in zijn openbaar +leven met allerlei tegenwerking kampende. + + + +Op een somberen Decemberdag, omstreeks den avond, stappen twee +vreemdelingen in eene boot aan de kaai der Newa, en varen snel, +tusschen de drijvende ijsschotsen door, naar de dreigende citadel van +Sint-Petrus-en-Sint-Paulus, waar behoudens eene enkele uitzondering, +al de keizers en keizerinnen, die na Peter den Groote over +Rusland geregeerd hebben onder de marmeren zerken en gouden kruisen +rusten. Eensklaps laten de roeiers hunne riemen rusten en nemen hunne +mutsen af; opziende, ontwaren de vreemdelingen den keizerlijken gondel, +door twintig roeiers gevoerd, dicht in hunne nabijheid. De keizer +zit in die boot: slechts een enkel officier staat nevens hem. Bij +het voorbijvaren beantwoordt hij den groet der reizigers, springt +aan land, wikkelt zich in zijn wijden grijzen mantel, en richt zich +met haastige schreden naar de kerk. Niemand vergezelt hem. De zes of +acht voorbijgangers, die hij ontmoet, ontblooten hun hoofd, en treden +eerbiedig ter zijde om hem voorbij te laten gaan. De hoofdingang der +sombere kerk is gesloten; met zekere overhaasting richt de tsaar zich +naar eene zijdeur, waar hij een kerkbewaarder in burgerkleeding ziet, +dien hij wenkt naderbij te komen. De deur wordt haastig ontsloten, +en de onbeperkte gebieder over meer dan zeventig millioenen menschen +treedt in de kerk, waar ook hij eenmaal rusten zal. De vreemde +bezoekers zijn inmiddels naderbij gekomen. "Wacht een oogenblik," +zegt de bewaarder; "de keizer is daar binnen." Dan voegt hij er bij: +"Gij kunt wel in het portaal gaan; zijne majesteit zal u niet lang +ophouden."--Dat portaal is slechts door glazen deuren van de kerk +gescheiden, zoodat de reizigers het inwendige van het gebouw kunnen +overzien. Zij zien statige zuilenrijen, die de breede schepen van +elkander scheiden. Langs de wanden hangen vaandels en banieren: de +zegeteekenen, op honderd slagvelden, aan Zweden en Franschen, Polen, +Perzen en Turken ontnomen: hier en daar brandt een zilveren lamp voor +het portret van een heilige. Tusschen de zuilen verheffen zich de +witte keizerlijke tomben: eene lange rij, fantastisch verlicht door +het rosse licht dier wemelende lampen. + +Alleen, de muts diep over het voorhoofd getrokken, in zijn grijzen +mantel gewikkeld, gaat de keizer van de eene tombe naar de andere; +nu een oogenblik stilstaande, als om het opschrift op den steen te +lezen; dan, in gebogen, peinzende houding, het schip doorgaande; +hier voor een poos in de diepe schemering verloren, elders als +eene schaduw voortglijdende langs de sombere zijbeuken. Hij is +te midden der dooden: Peter, Catharina, Paul, ruwe krijgslieden, +teedere vrouwen, onschuldige kinderen, en daar boven zijn hoofd +hangen de verkleurde zegeteekenen van honderd oorlogen.--Wat voert, +in dezen kouden winteravond, den tsaar hierheen? Drukt hem de +last des levens? Verlangt hij naar den dood? Zie, hij staat stil, +ontbloot het hoofd, knielt voor een graf:--dat zijner moeder! Een +weinig verder, staat hij nogmaals stil en buigt wederom de knieën; +langen tijd blijft hij geknield, in gebed verzonken; dan, opstaande, +drukt hij een kus op het gouden kruis. Daar rust zijn oudste zoon! + +Een oogenblik later is hij vertrokken. + + + +AANTEEKENING + + +[1] Wij verwijzen de lezers voor de nadere kennismaking met deze +vier russische secten naar de zeer belangrijke bijzonderheden, op +bladz. 308 en volg. van den jaargang 1870 der _Aarde_ medegedeeld. Het +daar gezegde ontslaat ons van de verplichting, ditzelfde onderwerp +thans nog eenmaal te behandelen. + + + + + DE KATHEDRAAL TE PUY. + + +Schilderachtig ligt de oude stad Puy-en-Velay, de tegenwoordige +hoofdstad van het departement der Haute-Loire, in haar krans van +bergen, met hare amphiteatersgewijze oprijzende huizen, gekroond +en beheerscht door hare indrukwekkende kathedraal. Deze laatste, +waarvan de ommestaande plaat u eene afbeelding te aanschouwen geeft, +behoort zeker tot de merkwaardigste kerkgebouwen van Frankrijk. Reeds +door hare ligging op eene hooge rots, aan den rand van een afgrond, +maakt zij een machtigen indruk: maar vooral ook door haar strengen, +ernstigen gevel van witten en gekleurde steen, die onwillekeurig aan +noordsche monumenten denken doet. Ook die groote, in schemerdonker +gehulde zuilenhal, met haar zonderling, half koepelvormig gewelf, +maakt, als ge binnentreedt, een diepen indruk, die nog verhoogd wordt +door de soberheid en betrekkelijke armoede van den bouwtrant en het +gemis van ornamentatie. + +Doch behalve deze eigenaardigheden, die iederen beschouwer +treffen, is deze kerk merkwaardig in het oog van alle bouwkundigen +en beoefenaars van de geschiedenis der architectuur, door de +karakteristieke bijzonderheden en afwijkingen, die zij in haar +bouwstijl vertoont. Hoewel door geheel haar aanleg tot den romaanschen +stijl behoorende, draagt zij den stempel dier eigenaardige richting +in de oud-middeleeuwsche architectuur van zuidelijk Frankrijk, die +de school van Perigueux wordt genoemd, en zich onder den invloed van +byzantijnsche denkbeelden en kunstregelen heeft ontwikkeld:--een +hoogst merkwaardig verschijnsel, wellicht in aard en oorsprong, +nog niet voldoende opgehelderd. De kathedraal van Puy vertoont in +haar min of meer onbeholpen constructie duidelijk de sporen van een +overgangstijdperk, waarin de nieuwe kunst, die straks in de gothiek +hare heerlijkste uitdrukking zou vinden, aanving de stroeve vormen +der oude romaansche en byzantijnsche architectuur te doordringen +en te herscheppen. Ook als historisch monument is zij dus van zeer +groot gewicht. + + + + + TWEE RUSTIGE PLEKJES. + + + +I. SCHAFFHAUSEN. + + +Wat schilderachtig stadsgezichtje, dat oude Schaffhausen met zijne +zonderlinge huizen, zoo grillig en fantastisch van bouworde; zoo +bont geschakeerd langs de rivier, aan den voet van den heuvel, +waarop het kasteel troont. Onwillekeurig roept dit tafreeltjen u +de middeleeuwen voor den geest: op den berg de adellijke burcht; +daar beneden, de kerk, die haar slanke spits hoog ten hemel heft; +en om die beiden gegroept de huizen der eerzame poorters, door zoo +menigen band aan burcht en kerk verbonden, in hun leven en streven, +hun werken en denken zoo vaak, deels gewillig, deels gedwongen, de +leiding volgende, die van beiden uitgaat. En, mits die leiding goed +zij, wat steekt daar vernederends of onteerends in? Behoeft de schare +geen leidslieden; en is het niet goed dat er zijn, die, door geboorte +en levensbestemming en traditie meer dan anderen tot die taak bekwaam, +zich daar ook geheel aan wijden kunnen? Heeft, zouden wij bijna vragen, +het verbreken van dien natuurlijken, organischen band wel altijd heil +aangebracht? Maar wij mogen ons hier niet in zulke vragen verdiepen, +en willen dat ook niet doen. Genieten wij alleen het schilderachtig +tafreeltjen, zonder al te zeer de bijzonderheden te ontleden, die ons +wellicht menige onttoovering zouden berokkenen. En--wie weet?--wellicht +dat de tijd, waarvan deze muurwerken getuigen, van te nabij gezien, +ook iets zou verliezen van dien onbeschrijfelijk bekoorlijken glans, +die hem nu voor ons, van verre staande, omstraalt! + + + +II. GEROLDSAU. + + +Drie malen heb ik mij nedergezet onder de koele lommer dier groote +boomen, aan den oever dier heldere, murmelende wateren, bij den +waterval van Geroldsau. + +De eerste maal was ik diep ongelukkig: een zware slag had mij getroffen +en mij den lust en het licht mijns levens geroofd.... De eenzaamheid +zoekende, vond ik, in eene kleine vallei, tusschen groene heuvelen, +die beek, die, rustig voortkabbelende, eensklaps in haar loop gestuit, +met groot gerucht in de diepte stort. Ach, was zij geen beeld van +mijn leven, ook zoo plotseling verstoord, verbroken, vernield? Was +dat klagend geluid, die doordringend weemoedige toon der vallende +wateren, niet als een echo mijner eigene ziel? Ik stond stil, en zette +mij neder aan den oever, luisterend naar de stemme, die al dieper +en dieper in mijn gemoed doordrong. En het was of die stem steeds +minder van smart en vertwijfeling, steeds meer van rust en kalmte en +ernstig streven sprak, steeds duidelijker getuigde van het blijvende +te midden van al wat verandert. En ik zag, hoe de beek, op korten +afstand, haar rustigen loop hernam, als hadde niets haar gestoord: +en de hoop herleefde, flauwelijk nog, in mijne geschokte ziel. + +Toen ik haar wederzag, de schoone cascade, was ik niet ongelukkig, maar +langdurige, inspannende, vermoeiende arbeid had mijn geest uitgeput: +eene dofheid was over mij gekomen, die mij afleiding in reizen zoeken +deed. Weer voerde mijn weg mij naar den waterval bij Baden. En toen +ik daar nederzat, en naar die muziek der ruischende wateren hoorde, +was het alsof eene stemme mij toeriep; frischheid en leven, ook +voor den geest, ze zijn te vinden in de vrije, heerlijke natuur, +aan de borst van Gods schoone schepping, vanwaar kracht en bezieling +uitgaan. Is het gloeiend hoofd moe gepeinsd, naar buiten dan in het +vrije veld, in de lommer der bosschen, aan den oever der wateren, op +den top der bergen--daar slaat de geest op nieuw de matte wieken uit, +en verheft zich tot hooger sfeer. + +En toen ik haar ten derden male weder zag, de cascade van Geroldsau, +toen was ik blijde en gelukkig en vol frisschen levenslust: want een +ster was opgegaan over mijn pad, en lieve handen strooiden bloemen +op mijn weg. En de stem der natuur klonk mij in de ooren als een +jubellied, als een triomfzang van het eeuwig bloeiende leven, vol +frischheid en jeugd.... Is zij iets anders, de natuur, dan de spiegel +onzer eigene indrukken? Of heeft hare stem voor ons zoo wondere kracht, +omdat de geest, die uit haar spreekt, ook fluistert in ons eigen hart? + + + + + +End of Project Gutenberg's Het Vrije Rusland, by William Hepworth Dixon + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK HET VRIJE RUSLAND *** + +***** This file should be named 18339-8.txt or 18339-8.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + http://www.gutenberg.org/1/8/3/3/18339/ + +Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed +Proofreading Team at http://www.pgdp.net/ + + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +http://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at http://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +http://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at http://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit http://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including checks, online payments and credit card donations. +To donate, please visit: http://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart is the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + http://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. diff --git a/old/2006-05-07-18339-8.zip b/old/2006-05-07-18339-8.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..16f9498 --- /dev/null +++ b/old/2006-05-07-18339-8.zip diff --git a/old/2006-05-07-18339-h.zip b/old/2006-05-07-18339-h.zip Binary files differnew file mode 100644 index 0000000..aa720a9 --- /dev/null +++ b/old/2006-05-07-18339-h.zip |
