diff options
| author | Roger Frank <rfrank@pglaf.org> | 2025-10-15 04:51:20 -0700 |
|---|---|---|
| committer | Roger Frank <rfrank@pglaf.org> | 2025-10-15 04:51:20 -0700 |
| commit | a937022c9eaa8babafe732811d70ec05aa905a7b (patch) | |
| tree | 816d3649bee239a9872b7e80ecf95cb18e97969f /17525-h | |
Diffstat (limited to '17525-h')
| -rw-r--r-- | 17525-h/17525-h.htm | 2595 |
1 files changed, 2595 insertions, 0 deletions
diff --git a/17525-h/17525-h.htm b/17525-h/17525-h.htm new file mode 100644 index 0000000..a1122ad --- /dev/null +++ b/17525-h/17525-h.htm @@ -0,0 +1,2595 @@ +<!DOCTYPE html PUBLIC "-//W3C//DTD XHTML 1.0 Strict//EN" + "http://www.w3.org/TR/xhtml1/DTD/xhtml1-strict.dtd"> + +<html xmlns="http://www.w3.org/1999/xhtml"> + <head> + <meta http-equiv="Content-Type" content="text/html;charset=iso-8859-1" /> + <title> + The Project Gutenberg eBook of De Zwarte Kost, by Cyriel Buysse. + </title> + <style type="text/css"> +/*<![CDATA[ XML blockout */ +<!-- + p { margin-top: .75em; + text-align: justify; + margin-bottom: .75em; + } + h1,h2,h3,h4,h5,h6 { + text-align: center; /* all headings centered */ + clear: both; + } + hr { width: 33%; + margin-top: 2em; + margin-bottom: 2em; + margin-left: auto; + margin-right: auto; + clear: both; + } + + table {margin-left: auto; margin-right: auto;} + + body{margin-left: 10%; + margin-right: 10%; + } + + .pagenum { /* uncomment the next line for invisible page numbers */ + /* visibility: hidden; */ + position: absolute; + left: 92%; + font-size: smaller; + text-align: right; + } /* page numbers */ + + .linenum {position: absolute; top: auto; left: 4%;} /* poetry number */ + .blockquot{margin-left: 5%; margin-right: 10%;} + .sidenote {width: 20%; padding-bottom: .5em; padding-top: .5em; + padding-left: .5em; padding-right: .5em; margin-left: 1em; + float: right; clear: right; margin-top: 1em; + font-size: smaller; color: black; background: #eeeeee; border: dashed 1px;} + + .bb {border-bottom: solid 2px;} + .bl {border-left: solid 2px;} + .bt {border-top: solid 2px;} + .br {border-right: solid 2px;} + .bbox {border: solid 2px;} + + .center {text-align: center;} + .smcap {font-variant: small-caps;} + .u {text-decoration: underline;} + + .caption {font-weight: bold;} + + .figcenter {margin: auto; text-align: center;} + + .figleft {float: left; clear: left; margin-left: 0; margin-bottom: 1em; margin-top: + 1em; margin-right: 1em; padding: 0; text-align: center;} + + .figright {float: right; clear: right; margin-left: 1em; margin-bottom: 1em; + margin-top: 1em; margin-right: 0; padding: 0; text-align: center;} + + .footnotes {border: dashed 1px;} + .footnote {margin-left: 10%; margin-right: 10%; font-size: 0.9em;} + .footnote .label {position: absolute; right: 84%; text-align: right;} + .fnanchor {vertical-align: super; font-size: .8em; text-decoration: none;} + + .poem {margin-left:10%; margin-right:10%; text-align: left;} + .poem br {display: none;} + .poem .stanza {margin: 1em 0em 1em 0em;} + .poem span.i0 {display: block; margin-left: 0em; padding-left: 3em; text-indent: -3em;} + .poem span.i2 {display: block; margin-left: 2em; padding-left: 3em; text-indent: -3em;} + .poem span.i4 {display: block; margin-left: 4em; padding-left: 3em; text-indent: -3em;} + // --> + /* XML end ]]>*/ + </style> + </head> +<body> + + +<pre> + +The Project Gutenberg EBook of De Zwarte Kost, by Cyriel Buysse + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: De Zwarte Kost + +Author: Cyriel Buysse + +Release Date: January 23, 2006 [EBook #17525] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE ZWARTE KOST *** + + + + +Produced by Johan Boelaert. + + + + + +</pre> + + + +<h1>DE ZWARTE KOST</h1> + +<h2>CYRIEL BUYSSE</h2> + +<h3>1898</h3> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>I</h3> + + +<p>Het sloeg juist elf, die zondagmorgen, en in de enkele straat van +het dorpje was alles stil en vreedzaam, toen, in een plotselinge +opschudding, van huis tot huis de deuren openvlogen, en de bewoners +met uitroepingen van verbazing op hun dorpels kwamen.</p> + +<p>Er moest voorwaar geen gewichtige gebeurtenis in het rustig Akspoele +plaatsgrijpen, om er terstond de lieden op de straat te lokken: de +enkele voorbijtocht van een ongewoon rijtuig of de verschijning van +een onbekende waren daartoe ruim voldoende. Doch ditmaal gold het +iets zó buitengewoon ontzettends, dat het er terstond als een klein +oproer werd.</p> + +<p>Dáár, aan het uiteinde van de straat, komend in het dorp langs de +weg van het station Bavel, naderde met rasse tred, vergezeld van een +joelende bende knapen en meisjes, een groep van drie personen.</p> + +<p>Hij, die in het midden liep, werd dadelijk herkend. Het was Massijn, +Fortuné Massijn, de klerk van notaris Potvlieghe. Maar of de twee +anderen mensen of dieren waren, dat konden de stomverbaasde +dorpelingen nog niet bevestigen.</p> + +<p>Zij hadden de gestalte en de lichaamsvormen van twee magere, te +vroeg opgeschoten vijftienjarige knapen. Beiden droegen een +zwartfluwelen pak, met korte broek en koperen knopen op het wambuis; +beiden hadden lange rode kousen aan, en op het hoofd een zonderlinge +rode pet, met zwarte, schuins afhangende kwast. Doch wat volstrekt +op niets menselijks meer leek was hun gezicht: een glimmend-zwarte, +monsterlelijke tronie met vervaarlijke ogen en vingerdikke lippen; +en hun handen: afschuwelijke handen, zwart, lang en mager gelijk +beestenklauwen. Een soort van zwarte, dichtkroezende wol bedekte hun +slapen; en door hun oorlellen staken overgrote koperen ringen, woest +schitterend in de ochtend-zonneglans.</p> + +<p>Massijn was in het dorp bekend als een allerzonderlingste kerel. Het +greintje hoogmoedswaanzin, waaraan hij laboreerde, openbaarde zich +bij hem in een zeer curieus verschijnsel: hij was bezeten door de +manie der kennismaking met vreemdelingen. Men wist maar niet waar +hij die steeds vandaan haalde, doch weinig zondagen gingen er +voorbij dat hij niet de een of andere onbekende bij zich had, +waarmee hij, opgeblazen van trots, de herbergen van Akspoele +bezocht, met zijn verwarde uitspraak van hakkelaar de vreemdeling +aan zijn kennissen voorstellend als "zij...ijn bêêêsten vri...iend" +van deze of gene, door de dorpelingen nooit gehoorde stad of streek; +hem gul onthalend op al wat hij maar drinken wilde; hem eindelijk +aan tafel uitnodigend en hem zelfs vaak met een rijtuig naar het +naastgelegen station terugbrengend, dit alles tot grote ergernis van +zijn moeder en zuster, die in dergelijke kennismakingen niet het +minste genoegen vonden, en er integendeel zeer tegen opzagen een +deel van het beperkt huiselijk inkomen zo nutteloos te zien +verspillen.</p> + +<p>Zo bont als nu had hij het evenwel nog niet gemaakt. De wijze, +waarop men hem bespotte was doorgaans bescheiden, maar nu liep het +waarlijk de spuigaten uit.</p> + +<p>Indien Massijn met zijn twee jonge negers vlug doorgestapt was, +wellicht had hij, in de stomme verbazing van de dorpelingen, zonder +onaangenaamheden tot aan zijn moeders huis kunnen geraken; doch een +bescheiden intrede was nu juist zijn bedoeling niet. Hij tuurde +glorieus rechts en links naar de vóór de deuren der huizen en +herbergen saamgeschoolde menigte, nam nu en dan voor een kennis zijn +hoed af, groette geestdriftig met de hand; en, vóór de stoep van de +herberg <i>Het huis van Commercie</i>, waar zich een drukke groep bevond, +hield hij plotseling stil, klom de trappen op, naderde tot een heer +met stuurs gezicht en grijze baard, en sprak, trillend van hoogmoed:</p> + +<p>—Mee...ee...eester Potvlieghe, ik heb de eer u twee...ee van mijn +bêêste vrienden voo...oo...oor te stellen: A...albert Badoe en +Bou...ou...oudewijn Soera, bei...eiden prinsen uit Co...o...congoland.</p> + +<p>En tot de twee jonge zwarten, als konden zij hem verstaan:</p> + +<p>—A...Albert, en Bou...oudewijn, ik stel u mij...ijn meester voor, +mij...ijnheer Po...o...otvlieghe, no...otaris te Akspoele.</p> + +<p>De menigte, die hen volgde, had onmiddellijk, met verwarde kreten en +geluiden, Massijn en de negers omringd, en de buren kwamen van hun +dorpels aansnellen, terwijl de twee zwarte prinsen, onthutst en +beleefd, hun zonderlinge petjes afnamen en beurtelings de hand +drukten die de verbaasde buitenheer, even na een aarzeling als van +vies wantrouwen, tot hen uitstak.</p> + +<p>—Mij...ijnheer Spittael, ha...ha...handelaar in kolen, hervatte +hoogmoedig Massijn, de jonge prinsen aan een tweede dorpsheer +voorstellend.</p> + +<p>—Mij...ijnheer De Vreught, gepensioneerd o...o...onderwijzer, tot +een derde.</p> + +<p>En daar juist Eulalie, de herbergiersdochter, aan wie Massijn de +naam had een weinig het hof te maken, haar verbaasd, blozend gezicht +tussen de schouders van die twee heren uitstak:</p> + +<p>—Eu...eu...Eulalie, riep hij, gans opgewonden op haar toetredend, +hier zijn twee...ee jonge A...a...afrikaanse prinsen, die u +dee...ee..eze namiddag zullen ko...ko...komen bezoeken.</p> + +<p>Vuurrood, met een gebaar als van schrik, trok het meisje haar hoofd +terug, terwijl uit de joelende volksschaar een schaterend gelach +opsteeg.</p> + +<p>Gebelgd, met een gestreng-hoogmoedige blik, keerde Massijn zich naar +de spotters om. Doch hij trok minachtend de schouders op, en, +opnieuw zich wendend tot notaris Potvlieghe en zijn gezellen, begon +hij hun enkele uitleggingen te geven.</p> + +<p>—Mij...ijneer Po...otvlieghe, deze jonge prinsen zij...ijn slechts +enkele maanden geleden do...or de zendelingen van het klooster van +Amertinge, wa...ar, zoals gij weet, mijn broe...der econoom is, uit +Co...o...congoland meegebracht, o...om in dat bewuste ge...esticht +van Amertinge hun o...o...opvoeding te...te krijgen. A...Albert, de +oudste, is ee...een der zonen van een ko...o...koning uit de +omstreken van Vivi, en Bou...oudewijn behoort tot een a...adellijke +fa...a...familie van Lee...ee...opoldville. Zij volgen nog maar +sinds vi...ier maanden de lessen van het pensionaat en ree...eeds +kunnen zij ta...melijk goed Frans en Vla...aams lee...ezen, spreken +en schrijven. Het volgend jaar, als hun o...o...opvoeding volbracht +za...al zijn, kee...ee...eren zij naar hun land terug, en nu...u +zijn ze mij do...oor mijn broeder toe... vertrouwd, om ee...enige +dagen van hun va...akantie bij ons door te brengen.</p> + +<p>Er heerste een ogenblik stomme stilte, als van verslagenheid. De +zwarte prinsen hadden weer het rode petje met zwarte kwast op 't +hoofd gezet; de notaris, de kolenhandelaar, de gepensioneerde +onderwijzer en de andere op de herbergstoep geschaarde dorpelingen, +staarden het drietal aan met ronde ogen, zonder een woord te +spreken. Blijkbaar vraagden ze zich af of Massijn thans bepaald gek +geworden was, en meneer Potvlieghe opende de mond om toch iets te +antwoorden, toen eensklaps, als was het op maat bevolen, opnieuw een +oorverdovend hoongejouw en gelach uit de vóór <i>Het huis van Commercie</i> +opeengeperste menigte losbarstte.</p> + +<p>Verontwaardigd, met fonkelende ogen, keerde Massijn zich om:</p> + +<p>—Zij...ijt ge niet beschaamd! schreeuwde hij, verbaasd en woedend, +zich in volle lengte oprichtend.—W...at zullen die...ie jongens, +die hier o...om beschaving komen, van ons volk wel denken!</p> + +<p>Als bij toverslag hield het geschreeuw op en viel er een luisterende +stilte. De ogen van de toeschouwers blonken van opgewekte +nieuwsgierigheid, men wachtte gretig dat Massijn nog meer zou +zeggen. Maar toen hij, na een paar malen met vertoornde deftigheid +herhaald te hebben: "'k zou ...ou me toch schamen, vo...oor +beschaafde mensen", nogmaals zweeg, brak het geschreeuw plotseling +weer uit: een woest, dierlijk geschreeuw; een geschreeuw en gegil +zonder woorden; een geschreeuw om 't uitsluitend vermaak van te +schreeuwen.</p> + +<p>'t Gelaat vuurrood, de ogen uitgepuild van woede en verbaasdheid, +bleef Massijn een ogenblik in stomme onbeweeglijkheid naar het +gepeupel staren, terwijl de beide prinsen, bevend van schrik, zich +tegen hem aandrongen.</p> + +<p>—Gij...ij schurken! Gij...ij lelijke schurken! barstte hij +eensklaps uit, buiten zichzelf van verontwaardiging.—'k Ben +beschaamd da...at ik tot uw natie behoor! Indien gij...ij in +Co...o...congoland moest komen, ik ben zeker da...at de wilden u er +waardiger zou...ouden ontvangen, da...an gij, be...eschaafde lieden, +hie...ier de wilden ontvangt.</p> + +<p>Opnieuw, als bij toverslag, viel de stilte. Met gapende ogen en +monden liet men hem uitspreken, wachtte men even of hij nog meer zou +zeggen. Maar toen men zag dat hij van gramschap stikte en niet +verder spreken kon, brak nogmaals het hoongeschreeuw los, het woest, +oorverdovend geschreeuw en gegil zonder woorden, tegelijkertijd, +door een honderdtal monden, als door een enkele mond geslaakt.</p> + +<p>Toen bood Massijn de menigte niet langer 't hoofd. Hij maakte een +verontwaardigd gebaar tot meneer Potvlieghe en zijn gezellen, als om +hen tot getuigen te nemen van die wraakroepende schande; ontwaarde +nog even het gelaat van Eulalie, die, zijn blik ontwijkend, rood van +schaamte achter de ruggen verdween; daalde met één sprong van de +stoep, vatte Badoe en Soera bij de hand en stuwde ze moedig vooruit, +door het jouwend gepeupel, dat instinctmatig voor hen ruimte maakte, +maar onmiddellijk zijn schaar weer sloot, nu aanhoudend schreeuwend +en gillend het drietal op de hielen volgend.</p> + +<p>En het werd iets verschrikkelijks. Het wild geschreeuw was van +lieverlede ontaard in een zó onnoemelijke verwarring van allerhande +wangeluiden, dat de ganse straat ervan dreunde. Een bende knapen en +meisjes huppelde met wilde sprongen de stoet vooruit; kreten en +gelach zwollen tot een reusachtige uitbarsting van dolheid; een hele +groep, de stap op maat, de armen zwaaiend in cadans, begeleidde de +rampzalige Massijn, en de twee negers onder het luidkeels zingen +van een walgelijk straatdeuntje. Op een gegeven ogenblik maakten zij +het zo bont, dat de veldwachter, wiens huis zij juist +voorbijtrokken, hevig zijn deur openrukte, een ogenblik +stom-roerloos op zijn drempel bleef staan, en plotseling weer binnen +liep, alsof hij zijn sabel wou halen.</p> + +<p>Massijn en zijn negers hadden het haast op een rennen gezet. De +rampzalige klerk, doodsbleek en de blik als door een floers +beneveld, uitte geen klank meer; Badoe en Soera, de ogen uitgezet +van schrik, de dikke, vooruitstekende lippen hijgend open, snelden +door met uitgerekte hals, als werden zij door een bende slavenjagers +achtervolgd. Gelukkig waren zij niet ver meer van het huisje van de +weduwe Massijn verwijderd. Door zijn ontzaglijke ontsteltenis heen, +zag Massijn de groene voordeur als een veiligheidshaven opengaan; +zijn zuster Fietje, uitgelokt door het gedruis, verwilderd op de +drempel verschijnen, in een gebaar van ramp de beide armen openslaan +en met een kreet in huis terugsnellen. Een ogenblik later was hij er +zelf met zijn prinsen, alle drie, omringd van zijn huilende moeder +en zuster, als lam, als levenloos op stoelen neergezakt.</p> + +<p>De deur werd door Fietje dichtgeslagen en gegrendeld; het woest +gepeupel stroomde dof-joelend om het huisje heen, gelijk een +bruisende golf om een klip.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>II</h3> + + +<p>Een groot deel van de namiddag bleef de woning van de weduwe +Massijn, evenals een huis waar een moord geschied is, aldus met een +luidruchtige menigte omzet. Daarbinnen, in de woonkamer, waar de +gasten met de huisgenoten aan de dis zaten, beletten de neergelaten +rolgordijnen de indringende blikken, maar onrustbarend luid +weergalmde af en toe 't geschater en 't gejouw, het schoppen op de +muur en 't tikken op de ruiten.</p> + +<p>Massijn, nu zijn schrik wat over was, raakte weer opgewonden van +verontwaardiging en toorn. Hij vond het een schande, een +wraakroepende schande, dat de politie hem tegen de aanrandingen van +dat smee...ee...erig gepeupel niet beschermd had; hij sprak van +niets minder dan een klacht bij de Minister van Justitie en wellicht +bij de Koning zelf in te dienen. En voortdurend, om zichzelf moed te +geven, schonk hij zijn glas vol wijn en stootte hij aan tegen de +glazen van de prinsen, hen insgelijks met trillend-stotterende stem +tot drinken aanmoedigend, beurtelings in het Vlaams en het Frans +bluffend uitroepend:</p> + +<p>—Wees ma...aar gerust; n'ay...ay...ayez pas peur mes princes; je +sau ... aurai bien vous protéger co...ontre cette canaille.</p> + +<p>Zijn moeder, een dikke zestigjarige vrouw, met een geel gerimpeld +gezicht en goedige bruine ogen, die tot nu toe in haar ontsteltenis +nog geen klank geuit had, viel hem, met een wanhopige blik op de +twee zwarten, in de rede:</p> + +<p>—Maar waarom dan ook zo publiek met ze door Akspoele gelopen?</p> + +<p>—En dan nog op een zondag, als al het volk op de been is, riep +Fietje kribbig.</p> + +<p>—Ko ...o...kon ik misschien voorzien da...at dat smee...erig volk +zich zo scha...andelijk zou gedragen? sprak driftig Massijn, met een +verachtend gebaar naar de vensters.</p> + +<p>—Och ge steekt ook altijd zulke konten uit! antwoordde Fietje +gebelgd, met vuurrode wangen van tafel opstaand om in de keuken het +gebraad te halen.</p> + +<p>De beide negers, voortdurend roerloos van schrik op hun stoelen +gezeten, aten schier niet, spraken geen woord. Zij luisterden met +angstige spanning naar het aanhoudend gedruis in de straat, en van +tijd tot tijd liep er een rilling als van koude over hun donkere +huid. Tevergeefs poogde Massijn ben op te beuren, hen te doen eten +en drinken, hen tot een gesprek uit te lokken: hun bange blik bleef +halsstarrig gevestigd op de zich achter de neergelaten gordijnen +bewegende schaduwen: hun gehoor was slechts vatbaar voor de +onheilspellende geluiden die van buiten daar tot hen binnendrongen. +Een paar keren wisselden zij enkele woorden in hun moedertaal, en +eindelijk sprak Badoe tot Massijn met doftrillende stem:</p> + +<p>—Massa, nous retourner Amertinge.</p> + +<p>Massijn, die reeds een weinig door de drank verhit was, maakte een +gebaar van opstand. Hij had zich wel voorgesteld, gedurende +verscheidene dagen, met zijn prinsen, eerst de bewoners van Akspoele +en daarna die der omliggende gemeenten te overbluffen, en de +gedachte dat een zo heerlijk plan zou onuitvoerbaar wezen, was voor +zijn verwaande hoogmoed onuitstaanbaar. Met nadruk drong hij erop +aan dat de prinsen tóch zouden blijven. Het ware lafheid voor het +gebries van zulk een janhagel te vluchten; men moest de stomme smaad +het hoofd durven bieden; men moest durven tonen dat men man was.</p> + +<p>Hij had opnieuw zijn glas geledigd, hij was gans opgewonden +opgestaan en wakkerde de prinsen aan zijn voorbeeld te volgen, en +maar terstond stoutweg de voorgenomen namiddagwandeling in het dorp +aan te vangen. Zij zouden eerst het <i>huis van Commercie</i> bezoeken, dan +<i>Den Appel</i>, dan <i>De Kroon</i>, dan bij enkele voorname ingezetenen ten +huize gaan, om zich te tonen. En men zou eens zien of iemand hand of +vinger naar hen durfde uitsteken. Reeds had hij beslist zijn hoed +opgezet en uit een hoek zijn zwaarste wandelstok gehaald; maar toen +de negers, die niets van zijn woorden verstonden, aan zijn manieren +en gebaren begrepen waarvan er kwestie was, overweldigde hun een zo +hevige schrik, dat zij beiden plotseling in tranen uitbarstten, en +zich met de zwarte vingers aan de rand van de tafel vastklampten, +als om zich desnoods met geweld tegen de geduchte uitgang te +verzetten. En daar tot overmaat de voor de vensters saamgeschoolde +menigte, die wellicht iets van Massijns uitval gehoord had, juist op +dat ogenblik weer in dreunend hoongejouw losbrak, begonnen de +prinsen, eensklaps zelf met draaiende ogen zó wild van angst te +schreeuwen, dat moeder Massijn en Fietje huilend in de keuken +vluchtten.</p> + +<p>Toen begreep de rampzalige Massijn dat hij zijn heerlijk plan +bepaald moest opgeven. Op zijn dringend verzoek kwamen moeder +Massijn en Fietje bevend terug in de kamer, en een korte +beraadslaging werd gehouden. Het was vier uur; indien men spoed +maakte kon men te Bavel de trein van vijf nog halen en dan zouden de +prinsen ook vóór de avond te Amertinge nog terug zijn. Maar hoe +gedaan om aan dat razend gepeupel te ontsnappen. Massijn, die het +als naar gewoonte hoog in't hoofd had, stelde voor een huurkoets te +bestellen en er maar wild mee dwars door het gewoel heen te rijden, +al werden er ook wat armen en benen verpletterd. Doch moeder en +Fietje, vindend dat het al bont genoeg geweest was, en dat men ook +reeds meer dan genoeg geld verteerd had, bestreden dit plan en +beweerden dat zij heel goed langs 't achterpoortje van de tuin +konden uitgaan, en aldus, door de binnenwegen, het station bereiken.</p> + +<p>De beide prinsen, die van heel het gesprek slechts duidelijk dit ene +woord 'station' opvingen, knikten gretig toestemmend met het hoofd +en herhaalden op schor-trillende toon:</p> + +<p>—Oui, oui, Massa, station, retourner station Amertinge.</p> + +<p>En 't werd aldus besloten. Badoe en Soera, hun rode pet in de hand, +namen beleefd afscheid van moeder en Fietje, en volgden met rasse +tred Massijn door de tuin. De beide vrouwen, bezorgd-hoofdschuddend +op de drempel van het achterdeurtje staande, zagen, met een gevoel +van verlichting, de schelrode petten en kousen zonder verdere +onheilen achter de haag in 't groene veld verdwijnen, terwijl aan de +voordeur, begeleid door geschreeuw en voetengetrappel, opnieuw het +walgelijk straatdeuntje weergalmde, waarmee 't gepeupel 's ochtends +de prinsen en Fortuné tot aan hun huisje vergezeld had.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>III</h3> + + +<p>Toen Massijn met valavond alleen in Akspoele terugkwam, aarzelde hij +even of hij rechtstreeks naar huis, dan eerst in <i>Het huis van +Commercie</i> om een glas bier zou gaan. Juist vóór de stoep nam hij +plotseling zijn besluit en trad binnen.</p> + +<p>Hij was, ofschoon innerlijk nog sterk opgewonden, uiterlijk heel wat +gesust en ontnuchterd; en het maakte hem angstig te weten, wat voor +een indruk de gebeurtenissen van de dag op Eulalie zouden +teweeggebracht hebben. Hoewel hij niet, in de echte zin van 't woord +met haar verloofd was, toch bestond er sinds jaren tussen hen een +ernstige genegenheid, zij steeds wachtend dat hij haar ten huwelijk +zou vragen, hij steeds aarzelend om het te doen, in zijn hoogmoed +gekrenkt door de gedachte met een herbergmeisje te trouwen, en +niettemin steeds door iets machtigs, waartegen hij vruchteloos +poogde te worstelen, tot haar aangetrokken. In de laatste tijden +toch had hun liefde bepaald wat vooruitgang gemaakt: hij had haar +serieus van trouwen, en, zich voor eigen rekening te plaatsen, +gesproken. Als ze nu van haar moeder een ordentelijke bruidsschat +kreeg, kon de languitgestelde verbintenis wellicht spoedig tegemoet +gezien worden.</p> + +<p>Hij hoefde niet lang te wachten om de indruk waar te nemen, die hij +die dag op Eulalie gemaakt had.</p> + +<p>Zij stond achter de schenktafel toen hij binnenkwam, bezig met +glazen te spoelen, het aangezicht rood en de blik koel, de mond +misnoegd omlaag getrokken. Zij beantwoordde ternauwernood zijn +groet, bracht hem zwijgend 't bestelde glas bier, nam haar breiwerk +op en ging er opzij mee zitten. Een viertal andere klanten waren in +de herbergzaal aanwezig, zwijgend, met de pijp in de mond en +spotachtige blikken, schuins op hun stoelen gezeten. In een hoek zat +bazin Vleurick, Eulalies moeder, een dikke, zestigjarige vrouw met +wijd van elkander staande ogen, wat aan haar blik een verdwaalde +uitdrukking gaf, erwten te doppen. Een korte stilte heerste, even +gestoord door het geluid van de ouderwetse Vlaamse klok, die, door +het driemaal herhaald geroep: 'Koekoek! koekoek! koekoek!' het +geslagen halfuur aanduidde.</p> + +<p>Massijn zette zich neer, keek naar de naïef-geschilderde +uurwerkplaat, waarop een moordenaar afgebeeld stond, die met de +linkerhand een gevallen reiziger bij de keel, en, in zijn rechter, +een opgeheven dolk hield, dronk even van zijn bier, zette het +glas naast zich op een tafeltje, floot stil een deuntje. Eulalies +koel onthaal maakte hem wrevelig, en in zijn binnenste voelde hij +weer, met een vlijmende prikkel van toorn, de herinnering aan de +hoon stijgen, die hem 's middags in het dorp te beurt gevallen was. +Doch hij wilde er niets van laten blijken, hij zou er zich ditmaal +met moedwil boven stellen; en, na een nieuw stilzwijgen, veinzend +noch de spottende blikken van het viertal dorpelingen, noch de +mokkende misnoegdheid op Eulalies aangezicht te bemerken:</p> + +<p>—Eh ...ehwel, Eulalie, sprak hij gemaakt-luchtig, terwijl hij zich +als in verrukking ruw de handen wreef—hebt ge mij va...andaag +gezien met mijn twee zwa...a...arte prinsen'</p> + +<p>Zij antwoordde niet dadelijk. Zij bleef een poosje stil voortbreien, +met diep gebogen hoofd sneller haar naalden bewegend, alsof zij al +haar aandacht aan die arbeid wijdde. En eerst toen zij haar steken +opgeraapt, en de naalden hoger onder haar oksels getrokken had, +vestigde zij een koele blik op hem en sprak, bijna toonloos, als in +diepe onverschilligheid:</p> + +<p>—O, bah ja ik,... 't was schuene, zilde.</p> + +<p>En gedwongen glimlach kwam even over Massijns lichttrillende lippen. +Hij schoof zijn stoel een weinig nader bij de hare en, strijdlustig, +met iets wreveligs in de uitdrukking van zijn, op haar wrikkelende +naalden gevestigde, ogen:</p> + +<p>—Is 't nie...iet schoon, 't is misschien to...och wel interessant, +hernam hij.—'t Is in elk ge ...eval to...och interessanter +da...an hetgeen men hier da...agelijks in deze sto...omme gemeente +te... te zien krijgt.</p> + +<p>De drinkers maakten een beweging op hun stoelen of zij het praatje +heel aardig begonnen te vinden en Eulalies wangen kregen een +sterkere kleur, terwijl de naalden al vlugger en vlugger tussen haar +bedreven vingers heen en weer wrikkelden. Opnieuw heerste een +ogenblik volkomen stilte gedurende welke men niets meer hoorde dan +het langzaam tiktak van de klok en het eentonig geflap der gedopte +erwten, die bazin Vleurick in een aarden schotel liet vallen. En in +die benauwende stilte staakte Eulalie eensklaps het breien, keek +weer tot haar minnaar op, slaakte een zucht van komische wanhoop en +sprak, na een kort, gedwongen lachje en een trage hoofdschudding:</p> + +<p>—Kijk, kijk, kijk, ik kan niet peinzen waar gij het toch altijd +uitzoekt! Wat al konten zult gij nog uitsteken!</p> + +<p>Gebelgd, geërgerd, met toornig schitterende ogen, was Massijn deftig +opgestaan en had hij zijn stoel weer achteruitgeschoven. Een +ogenblik staarde hij haar roerloos, met bevende lippen aan; en dan, +de stem verkropt, terwijl zijn aangezicht van gramschap scheen te +zwellen:</p> + +<p>—Ko...o...konten!... ko...o...kokonten! Ik vind dat ge wel +zee...eer onbeleefd zijt, weet ge, Eu...Eulalie!...</p> + +<p>En plotseling, gerevolteerd:</p> + +<p>—Wee ...ee...eet gij hoe ik zulke smaad be...beantwoord? vroeg hij, +bijna dreigend, in de drukkende stilte van de herbergzaal, waar +zelfs bazin Vleurick van ontzetting 't erwten doppen had gestaakt.</p> + +<p>—A... alzo zie! riep hij. En statig keerde hij zich om en stapte de +deur uit.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>IV</h3> + + +<p>Sinds die dag was het, dat men van lieverlede bij Massijn een totale +verandering van gemoedsstemming, een echte morele omwenteling kon +waarnemen.</p> + +<p>Na ongeveer een week mokken, gedurende welke de ontzettende +gebeurtenis van het prinselijk bezoek langzamerhand in het dorp +vergeten raakte, was hij naar <i>Het huis van Commercie</i> teruggekeerd en +had hij zich met Eulalie verzoend, omdat die stille, sinds jaren +aanslepende liefde toch als iets onontbeerlijks in zijn leven was +geworden: maar, behalve dat, o ja, enorm was de verandering.</p> + +<p>Men zag hem niet meer, zoals vroeger, de schaarse vreemdelingen, die +te Akspoele kwamen, opzoeken en er glorieus mee van herberg tot +herberg rondlopen; hij scheen zich eensklaps om niemand meer te +bekreunen, noch geen het minste belang meer te stellen in wat er op +'t dorp mocht omgaan. Men ontmoette hem enkel nog langs de straat op +de uren, dat hij naar het kantoor van meester Potvlieghe ging of +ervan terugkeerde en vaak gebeurde 't nu dat hij zelfs 's zondags op +Akspoele niet bleef, maar met de eerste trein langs Bavel naar de +stad reed, en slechts laat in de avond terugkwam, doorgaans met een +lijvig vierkant pak onder de arm.</p> + +<p>—Wat is er met Massijn! wat haalt hij zich nu in 't hoofd? vroegen +de dorpelingen zich met verwondering af. En toen de een of ander hem +soms vroeg wat hij nu toch deed in de uren, die hij eertijds in +'t gezelschap van zijn medeburgers placht door te brengen:</p> + +<p>—Lee ...e...ezen, antwoordde hij met een ernstig, afgetrokken +gezicht.</p> + +<p>Het was de waarheid. Schier al zijn vrije uren besteedde hij aan +lectuur, en wel uitsluitend aan één soort lectuur: Afrikaanse +reisverhalen. Hij ging de boeken halen ter stad in een leeskabinet, +en uren en uren elke avond, en 's zondags bijna heel de dag, zat hij +met de ellebogen op de tafel en het hoofd tussen de handen, als een +gehypnotiseerde in zijn lezing verdiept.</p> + +<p>Landkaarten lagen vóór hem ontvouwen, waarop hij in verbeelding, +door mysterieuze streken de gevaarlijke tochten meemaakte; +illustraties van tropische landschappen, van wilde volkstypen, van +wondere ontmoetingen en gevechten, aan de authenticiteit waarvan hij +geen ogenblik twijfelde, deden rillingen van vervoering en verlangen +door zijn ganse lichaam stromen. Zijn starre ogen schitterden, hij +zuchtte van inspanning, zijn rusteloze vingers zetten in verwarring +zijn haren op, of zij, door het akelige van 't verhaal, vanzelf te +berge rezen. En vaak werd hij zó hevig door de indruk van +'t gelezene overweldigd, dat het hem een onweerstaanbare behoefte +werd er ook aan zijn moeder en zijn zuster iets van mee te delen.</p> + +<p>—Da...at is toch schrikkelijk! die...ie Sta ...anley moet toch iets +uitgestaan hebben! riep hij soms plotseling, in de stilte van het +keukentje, waar moeder en Fietje met hun breiwerk zaten, zijn lezing +onderbrekend. En toen de twee vrouwen, weinig geïnteresseerd, of, +uit instinctieve weerzin, zijn gezegde onbeantwoord lieten:</p> + +<p>—Wilt gij eens weten hoe ...oe... dikwijls hij op één... één enkele +maand tegen de wilden heeft moe ...oe...oeten vechten? vroeg hij.— +Twee ...ee en dertig keren! En, weer het boek ter hand nemend, las +hij hun enkele bladzijden van de Vlaamse vertaling van de welbekende +wonderreizen voor. Toen wist hij van geen zwijgen meer. In de doodse +stilte van het keukentje, die alleen gestoord werd door het eentonig +tiktak van de klok en het schuchter door elkaar wrikken van de +breinaalden, klonk zijn hakkelende stem luid en bombastisch, in +verward-ronkende volzinnen. Noch moeder noch Fietje durfden geen +woord meer wisselen, haast geen beweging meer maken. Zij smoorden +met de hand hun vervelingsgegeeuw, bijna niets begrijpend van al +hetgeen hij voorlas, door zijn stotterende uitspraak als in een +pijnlijke sluimer gewiegd, telkens verbaasd en als schrikkend +opkijkend, toen hij zichzelf even in de rede viel om hen te vragen:</p> + +<p>—Ei...eiwel, wat denkt ge daarvan! Is da...at niet wonderbaar, niet +Schrikkelijk?</p> + +<p>Maar met het einde van zijn lezing hield hun morele foltering nog +niet op: in die uren van praatzieke ontboezeming, nadat hij 't boek +gesloten had, begon hij dan zelf over het voorgelezene te +disserteren. En het was iets verbazends hoe al die vreemde namen met +zijn stamerende uitspraak in zijn mond verwarden, hoe hij er klanken +van vormde die op geen woorden meer leken noch geen hoegenaamde +betekenis meer hadden. Soms ging het tot een echte gekheid over. +Hij stelde zich niet tevreden met de nare, in het boek gelezen +anekdoten; hij voegde er andere bij, hij vond er nieuwe uit, als kon +hij zich de indruk van akeligheid niet genoeg overweldigend maken. +Meer dan eens zelfs deed hij door zijn gewaagde beschrijvingen van +de Afrikaanse zeden zijn moeder en zijn zuster blozen.</p> + +<p>—Ja...a moe....oeder, da...at kost daar een zwijn, of ee...een +koe, sprak hij op zekere avond, van de schadeloosstelling gewagend, +waarvoor een wilde aansprakelijk is, die met de vrouw van zijn buur +te ver zou gegaan zijn.</p> + +<p>En daar bazin Massijn, gestoord, hem verzocht van zulke dingen +liever niet te spreken:</p> + +<p>—Wel, waa...aarom niet, moe...der, hernam hij grootmoedig;—men moet +die...ie mensen dat vergeven, zij...ij zijn gelijk de beesten, zij +weten niet wa...at zij doen.</p> + +<p>Toen praatte hij ook weer van Badoe en Soera, de twee jonge zwarte +prinsen, met wie hij een regelmatige briefwisseling onderhield.</p> + +<p>—Zie...ie, moe...oeder en zuster, sprak hij, een punt op de +landkaart aanwijzend,—hie...ier woont de vader van Badoe, +ko...o...oning van Pahalamaboe, en daa...aar woont die van Soera, +prins van Manyalahi, bei...eiden op de boorden van de +Lou...oualaba, anders genoemd de Con...co...congo.</p> + +<p>Doch van lieverlede begon hij ook naar andere toehoorders dan zijn +zuster en zijn moeder te verlangen. Hij voelde dringend de behoefte +die wondere dingen, waarvan hij zo doordrongen was, aan een ruimer +publiek voor te dragen; en, de smaad vergetend waarmee de Akspoelse +bevolking hem destijds bejegende, verscheen hij weldra regelmatig +weer in <i>Het huis van Commercie</i> en in andere voorname herbergen.</p> + +<p>Ernstig en statig, omringd van een vijf- of zestal lui op hun +stoelen uitgerekte dorpsheren, vertelde hij zonder einde over zijn +geliefkoosd onderwerp. En dáár, tenminste, werd hij niet op een +brutale spot onthaald: in hun dodende verveling, zagen die heren met +welgevallen om het even welke uitspanning tegemoet. Somtijds zelfs +ging hun belangstelling zo ver, dat zij zich mengden in 't gesprek, +en gewichtig met hem de koloniale politiek van de regering +bespraken.</p> + +<p>Toen sprong Massijn hartstochtelijk op de bres. Hij verdedigde met +gloed de koloniale uitbreiding van het land; hij durfde zeggen dat +het slechte pa...atriotten waren, die zulke richting tegenwerkten. +En bombastisch stamerend verklaarde hij dat het de plicht van alle +Belgen was, met woord en daad de ko...o...koning in zijn +e...e...edelmoedige onderneming van de beschaving van Midden-Afrika +te steunen. Maar meneer Potvlieghe, of meneer Spittael, of meneer De +Vreught waren, niettegenstaande hun onbetwistbare gehechtheid aan de +koninklijke familie, wel eens de meer verspreide mening toegedaan +dat men beter de penningen van 't land aan de beschaving van +Midden-Vlaanderen zou besteden, en allen mengden zich van lieverlede +driftig in het hoger en hoger opgalmend gesprek, totdat Eulalie, die +vuurrood en mokkend het schouwspel bijwoonde, eensklaps luid +zuchtend haar plaats verliet en met de op komische toon herhaalde +uitroeping 'Ach Here! ach Here! Hoe is 't mogelijk!' in de keuken +verdween.</p> + +<p>Dit bracht de heren tot het bewustzijn van hun deftigheid terug. Zij +bestelden verse glazen bier, ontstaken opnieuw hun pijpen, helden +achterover op hun stoelen, met de ogen op de bruingerookte +zoldering. En Massijn alleen bleef ononderbroken doorpraten, de +gebaren verbreed, de ogen uitgezet van ostentatie, af en toe tussen +zijn akelig stameren een blik van toorn en van minachting vestigend +op de weer in de gelagzaal gekomen Eulalie, van wie de houding en +gelaatsuitdrukking als levend protest waren tegen al wat hij +vertelde.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>V</h3> + + +<p>En eensklaps, op een zondagmorgen na de vroegmis, liep het als een +vuur door Akspoele:</p> + +<p>Massijn vertrekt naar Congoland!</p> + +<p>In 't eerste ogenblik, natuurlijk, hechtte daar niemand geloof aan. +Men beschouwde het als een snaakse grap en lachte er eens om. Doch, +terwijl meester De Vreught, die vlak naast Massijns woonde, die +morgen na het ontbijt zijn gewoon wandelingetje in zijn tuintje +maakte, zag hij, over de haag in het tuintje daarnaast, Fietje +schreiend heen en weer lopen. Hij had haar dadelijk gevraagd wat er +toch schortte, en toen had Fietje hem snikkend gezegd, dat zij +huilde omdat Fortuné besloten had naar Congoland te vertrekken. De +vorige avond had hij bij meester Potvlieghe zijn ontslag als commies +ingediend, en nu was hij met de eerste trein naar Brussel +vertrokken, en als hij 's avonds terugkeerde zou zijn verbintenis +met het gouvernement van Congo-Vrijstaat onherroepelijk gesloten +zijn. 't Is waar, zijn betrekking zou er veel winstgevender zijn dan +die welke hij bekleedde op 't kantoor van meneer Potvlieghe: hij zou +er namelijk, als onderintendant van de Staat te Leopoldville, +drieduizend frank jaarwedde hebben vrij van alle kosten, maar +Congoland was toch zulk een akelige streek en lag zo ver: wie weet +of zij en moeder hem nog ooit zouden terugzien. Och, het was +gekheid; Fietje beweerde, dat hij bepaald gek geworden was. Sinds de +vorige avond had zij nog niet opgehouden te huilen, en moeder +Massijn lag ziek te bed en beweerde dat zij ervan sterven zou. Het +was, in Akspoele, een dag van buitengewone emotie. Meester De Vreught +had natuurlijk niets zo dringends te doen gehad dan het verbazend, +hem door Fietje meegedeelde nieuws alom te gaan vertellen; meester +Potvlieghe, van zijn kant, had de ontzettende tijding bekrachtigd, +en de ganse dag hoorde men geen ander gesprek meer in het dorp. Men +zag oneindig veel meer mensen dan gewoonlijk in de straat heen en +weer wandelen; gehele groepen liepen driftig redekavelend de ene +herberg in en de andere uit, elk ogenblik ondervraagd door de +vrouwen, die vóór de dorpels van de huizen samengeschoold stonden; +en opnieuw, evenals op de dag van het bezoek van de zwarte prinsen, +keek men van ver naar de gesloten woning van de weduwe Massijn, als +naar een huis waar een moord gepleegd is. Wat <i>Het huis van Commercie</i> +betreft, daar was de drukte zo groot dat men er niet eens kon +zitten; doch zij die er gingen om te zien wat voor een gezicht +Eulalie zette, en wellicht met haar de spot te drijven, kwamen er +teleurgesteld van af, want de gehele dag bleef het meisje +onzichtbaar.</p> + +<p>En in de afwachting op Massijns terugkomst—wat, volgens Fietje, +met de laatste trein en dus ook met de postwagen, die om dat uur van +Bavel naar Akspoele rijdt, zou plaatshebben,—vertelden de +dorpelingen aan elkaar wat het zoal was in Congoland te leven. +Blink, de blikslager, die in zijn jeugd bij het Vreemd Legioen te +Algiers in dienst geweest was, vertelde onder ander tot een groep +voor zijn deur geschaarde dorpelingen, dat het in Congoland zó +verschrikkelijk heet was dat Massijn er na enkele maanden pikzwart +van huid zou worden, net zoals de zwarte prinsen die met hem te +Akspoele geweest waren.</p> + +<p>Verwarde uitroepingen weergalmden, een oud vrouwtje, met verwilderde +ogen, vroeg bevend aan de snoevende blikslager, of Massijns ziel ook +zwart zou worden gelijk die van de negers, en of hij, na zijn dood, +evenals zij, eeuwigdurend in de hel zou branden.</p> + +<p>—Neen, antwoordde Blink,—maar het is erg te vermoeden dat hij +zeer spoedig mensenvlees zal leren eten.</p> + +<p>Een kreet van afschuw steeg op, mijnheren Potvlieghe, Spittael en De +Vreught, die uit <i>Den Appel</i> kwamen en naar <i>Het huis van Commercie</i> +gingen, naderden de rondom Blink geschaarde groep.</p> + +<p>—Tenzij, voegde deze erbij,—dat hij zelf door de negers of de +wilde beesten opgegeten werd.</p> + +<p>En, zijn schitterend snoeversoog gevestigd op de drie heren, +vertelde hij een hem voorgevallen anekdote: een wildeman en zijn +familie, die, hem in een donker bos ontmoetend, hem aangerand hadden +om hem te doden en op te eten. Meer dan een halfuur lang had hij +ertegen moeten vechten, en terwijl hij rechts en links op de neger +en zijn vrouw met zijn sabel houwde om zijn leven te verdedigen, +sprongen hem de kleine negers voortdurend tussen de benen, waarin +zij beten met razend gegil, om hem het bloed uit 't lijf te zuigen.</p> + +<p>—De littekens zijn nog zichtbaar op mijn dijen, is 't niet waar +vrouw? vroeg hij, zich omkerend tot zijn wederhelft, die, ernstig +met het hoofd knikte, om te bevestigen dat hij de loutere waarheid +zei.</p> + +<p>Maar het sloeg acht op de toren en de groep ging uit elkaar, om +andere groepen te volgen naar de dorpsplaats, waar de postwagen van +Bavel elk ogenblik verwacht werd. Eenieder wilde nu Massijn +aanschouwen; hij was eensklaps voor het ganse dorp een vermaardheid +geworden; het was of dat enkel besluit naar Congoland te vertrekken +hem reeds fysiek zou veranderd hebben; of er van hem een ander mens +geworden was, die men nog niet kende.</p> + +<p>Reeds was de oude, rood-, geel- en zwartgeverfde rammelkast aan het +uiteinde van de straat zichtbaar, toen meester Potvlieghe en zijn +gezellen op de met volk bezette dorpsplaats aankwamen. Van ver zagen +zij Massijn, die naast de koetsier op de bok zat, rechts en links +met zijn strohoed groeten, trots en gelukkig als een prins die na een +lange afwezigheid in zijn hoofdstad terugkomt. Hij was zeer netjes +in 't zwart gekleed, met een wit ondervest; en, gevouwen op de +linkerarm, droeg hij een splinternieuwe, grijze zomeroverjas. Zijn +geschoren aangezicht was bleek van trotse ontroering; zijn ogen +schitterden met een bijna onheilspellend-geestdriftige starheid; +zijn halfopen mond hijgde van hoogmoed, alsof hij gerend had.</p> + +<p>En 't was als een dof rumoer van bewondering dat rillend door de +menigte liep, toen hij, bij het stilhouden van de ratelende postkar +van de bok steeg, en met tot meester Potvlieghe, als nu tot zijn +gelijke, uitgestrekte hand plechtig in 't Frans zei:</p> + +<p>—Bo...onjour, cher mai...aître Potvlieghe, mai...aintenant +l'affaire est décidée; je...e pars le 28 du mois prochain par le +steamer Lou...oualaba a...avec mes bons amis les princes, Ba...adoe +et Soera.</p> + +<p>Er heerste een ogenblik volkomen stilzwijgen, opnieuw gevolgd door +een dof rumoer van bijna eerbiedige bewondering. Haast niemand had +begrepen wat hij zei, maar allen voelden instinctmatig dat het iets +zeer belangrijks moest zijn; en terwijl hij met die heren, die hem +nieuwsgierig omringden en ondervraagden, de dorpsplaats verliet, +werd de tijding als spontaan van mond tot mond verspreid:</p> + +<p>—Hij vertrekt bepaald naar Congoland, hij vertrekt de +achtentwintigste van de volgende maand!</p> + +<p>De kreet weergalmde in de straat, werd ver en wijd herhaald door de +saamgeschoolde menigte. En niet alleen de winkeliers- of +arbeidersvrouwen, maar ook de dames en de dochters van de +welgestelde ingezetenen, kwamen nieuwsgierig bewonderend kijken, +terwijl Massijn, midden in de volksschaar die hem vergezelde elk +ogenblik stilhoudend, pompeus zijn hoed afnam en op de voortdurend +herhaalde vragen in het Frans antwoordde:</p> + +<p>—Oui...i, madame, oui...i, ma...ademoiselle, mon départ est +i...irrévocablement fixé au 28 du mois prochain, par le stea...eamer +Lou...oualaba.</p> + +<p>—Keert ge rechtstreeks naar uw huis terug, Fortuné, vroeg meester +De Vreught, toen zij voor <i>Het huis van Commercie</i> kwamen.</p> + +<p>—Nee...een, ik heb dorst, ik zou ga...aarne eerst een glas bier +drinken, antwoordde Massijn. En, met zijn gezellen en een aantal +andere nieuwsgierigen, besteeg hij de trappen van de herbergstoep.</p> + +<p>Daarbinnen was Eulalie voortdurend onzichtbaar. Tot haar moeder, die +achter de schenktafel stond, vroeg Massijn met een air van +autoriteit waar of zij was. En daar deze antwoordde dat haar +dochter, een weinig ongesteld, zich te bed gelegd had:</p> + +<p>—Welnu, sprak hij hoogmoedig, zonder zich het minst om de +ongesteldheid van zijn geliefde te bekreunen,—la...at haar van +mijnentwege weten, da...at ik de achtentwintigste van de +vo...olgende maand vertrek naar Co...o...co...congoland, met de +steamer Lou...oualaba, in co...ompagnie van mijn beste vrienden de +prinsen Ba...adoe en Soera.</p> + +<p>En statig ging hij plaatsnemen aan een met dorpsheren omringd +tafeltje, waar hem een soort ovatie van bewonderende geestdrift te +beurt viel.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>VI</h3> + + +<p>Van toen af begon voor Massijn dat buitensporig leven dat eerst met +de dag van zijn inscheping zou ophouden, en nog lang daarna vermaard +zou blijven in Akspoele en de omliggende gemeenten.</p> + +<p>Plotseling overweldigd door een wilde behoefte van in-beweging-zijn, +zag men hem haast elke morgen, reeds vóór acht uur op zijn best +gekleed, met gewichtig gelaat in en uit de huizen lopen, een +zakboekje doorbladerend en er koortsachtig een en ander in +aantekenend, als iemand voor wie elk ogenblik zijn kostbare +bestemming heeft. Toen sprong hij op de postwagen, nam te Bavel de +trein voor Gent of voor Brussel en keerde 's avonds terug, overladen +met pakken en valiezen, de handen en zakken vol dingen, die in hun +veelsoortigheid niet te noemen waren. Hij gebruikte haastig zijn +avondmaal, antwoordde in korte, verstrooide zinnen op de +menigvuldige vragen van zijn moeder en zuster, stak een sigaar op en +begaf zich naar <i>Het huis van Commercie</i>.</p> + +<p>Het was in het begin van juni, en, na dagen van buitengewoon +drukkende hitte, zetten de dorpsheren zich voor de koelte in +pantoffels en geopend vest op de koer van de herberg onder de +schaduw van een rij linden, de rug geleund tegen de muur, met hun +glas bier of jenever vóór zich, op een tafeltje. Dáár was het dat +Massijn nu troonde. Van al het bespottelijke dat eertijds aan hem +was, bleef er, in de superioriteit die zijn aanstaand vertrek naar +het mysterieuze werelddeel hem gaf, in de geest van die heren niets +meer over; uren en uren lang luisterden zij nu met gretige +belangstelling naar zijn wondere vertellingen.</p> + +<p>En hij liet zich niet bidden. Van het ogenblik dat hij aankwam tot +het uur waarop hij de herberg verliet, voerde hij, hij alleen, de +ganse tijd het woord. Ternauwernood durfden die heren nog even op de +tafel tikken om verse glazen te bestellen of hun lange pijpen weer +te vullen, en bij die algemene eerbiedige bejegening van de +voornaamste ingezetenen der gemeente, voelde zelfs Eulalie haar +antipathiek mokken in bewondering veranderen, en kwam zij zich +weldra geregeld bij de groep scharen om naar hem te luisteren. +Plechtig had Massijn op een avond, vóór de gewone bezoekers +aankwamen, tot haar gesproken.</p> + +<p>—Eu...Eulalie, ik ga vertrekken, maar over drie jaar kee...eer ik +rijk en ge...geëerd terug; en dan, als ge mij zo...oolang trouw +gebleven zijt, zullen wij el...elkander huwen.</p> + +<p>Zij was begonnen te huilen en had klagend geantwoord:</p> + +<p>—Ik zal u wel trouw blijven, Fortuné, maar gij zult het niet doen. +Gij zult ginds in den vreemde met andere vrouwen gemeenschap hebben.</p> + +<p>Deftig, bijna gebelgd was hij haar in de rede gevallen:</p> + +<p>—Ginds zijn gee...een andere vrouwen dan zwa...arte. Gij...ij denkt +toch niet da...at ik mij daarmee zou afgeven!</p> + +<p>En, met een sarcastisch-minachtend gegrinnik zijn gezegde +bekrachtigend:</p> + +<p>—Gij...ij denkt toch niet da...at ik zou proeven va...an wat ze +ginds de <i>zwa...arte kost</i> noemen'</p> + +<p>De zwarte kost!... Onthutst had Eulalie hem aangekeken. Wat was +Dat?... wat betekenden die zonderlinge woorden?... Maar plotseling +had ze begrepen en was zo rood als een pioen geworden.</p> + +<p>De ganse avond over haar breiwerk gebogen had ze bijna geen woord +meer gesproken; doch sinds dat ogenblik had ze zich toch +gerustgesteld gevoeld, en nu was zij voor hem een paar gebloemde +pantoffels aan 't borduren, die hij ginds ver, als aandenken van +haar, elke avond als zijn werk gedaan was en hij rustig in zijn tent +zat, zou dragen.</p> + +<p>Trouwens als men hem soms hoorde vertellen, maakte 't net de indruk +of hij reeds in 't verre land geweest was, of hij er zich nog +bevond. Somtijds, midden in een verhaal, bleef hij plotseling stil, +het oor gespitst, de hals gerekt, de ogen, onder de neergezakte +wenkbrauwen, peilend gevestigd in de duisternis, als kwam er daar +ergens onraad of gevaar. En toen men hem verwonderd vroeg wat er +gebeurde:</p> + +<p>—'t Zal niets zijn, geloof ik, maa...aar ik meende daar even +ee...een vijand te horen in de nacht, antwoordde hij.</p> + +<p>Andermalen, en wel voornamelijk op de zwoelste avonden, verscheen +hij in winteroverjas, met rechtopstaande kraag en wollen halsdoek om +de keel. En toen die heren half uitgekleed in hun pantoffels en hun +open wambuizen, hem met bezorgde belangstelling vroegen of hij dan +ziek was:</p> + +<p>—Nee...een, in het geheel niet, antwoordde hij ernstig terwijl hij +met een rilling zijn kraag nog hoger zette,—ik heb het alleenlijk +zeer koud, ik vind da...at dit kli...i...maat soms o...onuitstaanbaar +koud is.</p> + +<p>Maar bovenal werd het gek, toen hij zijn officieel uniform van +onderintendant bezat. Dat bestond uit een witlinnen broek en dito +ondervest onder een donkerblauwe jas met gouden knopen en drie +vergulde galons om kraag en mouwen, alsmede een donkerblauwe, +insgelijks gegalonneerde pet, waarop, van voren, de gouden ster van +Congo-Vrijstaat prijkte. En ofschoon dit pak niet bestemd was om in +België, maar wel om in Congoland gedragen te worden, en het weer, +door een van die bruuske omslagen waaraan het in deze streken gewoon +is, van brandend heet schielijk vrij koud geworden was, met hevige +wind- en regenbuien, toch liep Massijn in deze lichte kleding van +stonden af rondom het dorp, de ene herberg in en de andere uit, +bleek van verwaandheid en bibberend van koude, zonder de minste +klacht te uiten.</p> + +<p>Zó sterk, trouwens, imponeerde dat schitterend uniform de +dorpelingen, dat het als een vergoding werd. Een gemurmel van +ontzagvolle eerbied vergezelde hem langs de straat, en toen Eulalie, +die hem eerst niet herkende, hem aldus verkleed in <i>Het huis van +Commercie</i> zag komen, ontstelde zij zó hevig dat zij plotseling in +tranen uitbarstte. Ook moeder Massijn en Fietje sloegen van +bewondering de handen samen, en begonnen zich van toen af bepaald +met de gedachte van zijn vertrek te verzoenen, en te denken dat wat +zij tot dusver als een daad van gekheid beschouwd hadden, werkelijk +iets groots en roemruchtigs zou worden. Wat de heren Potvlieghe, +Spittael en De Vreught betreft, die vonden bepaald geen woorden meer +om hun emotie en bewondering uit te drukken. Beurtelings werd +Massijn bij die drie heren, alsook ten huize van nog twee andere +voorname dorpsfamilies te dineren gevraagd, met het uitdrukkelijk en +trouwens zeer overbodig verzoek in zijn officieel kostuum te willen +verschijnen. En op het diner bij meneer Potvlieghe, waar ook de +heren Spittael en De Vreught aanwezig waren, steeg de geestdrift zó +hoog, dat zij alle drie, in een spontane beweging, met opgeheven +beker op Massijns gezondheid dronken, en unaniem besloten op de dag +van de inscheping Fortuné naar Antwerpen te vergezellen, om hem te +zien vertrekken.</p> + +<p>Maar de jonge reiziger, die telkens hijgde en trilde van hoogmoed +onder deze vermenigvuldigde eerbewijzen, was nog een laatste en +grotere glorie weggelegd, alvorens het uur van de bepaalde scheiding +zou slaan. Op een avond dat hij, met de laatste trein van Brussel +terugkerend, in <i>Het huis van Commercie</i> verscheen, deelde hij, bleek +van emotie, aan zijn aldaar reeds vergaderde gezellen, de +ontzettende tijding mede, dat, op zijn herhaald aandringen, zijn +beste vriend de beroemde Afrika-reiziger Kinel, met wie hij onlangs +kennis had gemaakt, erin zou toestemmen te Akspoele een voordracht +te komen houden over Congoland, op voorwaarde dat men hem een +ordentelijk daartoe geschikt lokaal kon bezorgen.</p> + +<p>Een uitroeping van geestdrift, gemengd met kreten van ongelovigheid, +steeg uit de groep der rond hun glazen bier geschaarde dorpsheren. +Massijn tot bazin Vleurick gewend, stamerde plechtig:</p> + +<p>—Ba...azin Vleurick, wilt gij mij u...uw bovenzaal afstaan voor de +zo...ondag vijftiende juni!</p> + +<p>—Bah ja, meneer Fortuné, zeer gaarne, antwoordde de dikke vrouw, +verrukt bij de gedachte hoe zulke plechtigheid de verkoop in haar +herberg die dag zou bevorderen.</p> + +<p>—En gij, Eu...Eulalie, zult gij zorgen da...at alles in o...orde +is, da ... at de zaal die dag schoo...oongemaakt, en voo...oorzien +is van een ta...afel, stoelen en banken, hernam hij, zich tot het +meisje wendend.</p> + +<p>—Ja, ja, wees maar gerust, alles zal goed zijn, antwoordde Eulalie, +de wangen blozend, de ogen schitterend.</p> + +<p>—A...all right dan! mo...orgen vroeg zal ik mijn vriend Ki...inel +per telegram verwittigen da...at wij hem verwachten, besloot Massijn +met een blik van triomf.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>VII</h3> + + +<p>En het geschiedde waarlijk.</p> + +<p>De zondag vijftien juni zagen de, in een drukke schaar op de +dorpsplaats vergaderde, inwoners van Akspoele, een groep van vier +personen uit de postwagen van Bavel stijgen: eerst Massijn, in +groot officieel uniform; daarna een jongeling van een dertigtal +jaren, lang en mager, geheel in 't zwart gekleed, met een geelblonde +baard en lichtblauwe ogen en 'last not least' twee negers, en wel +de beide prinsen Albert Badoe en Boudewijn Soera, beiden aanzienlijk +gegroeid sinds het vorig jaar, en ditmaal beiden gekleed met een +lange pantalon en een rond zwart hoedje, gelijk echte Europeanen. +Een man volgde het viertal op de hielen, een reusachtig valies op +zijn schouders dragend.</p> + +<p>'t Was eerst, onder het volk, een ogenblik van stomme verslagenheid. +Allen herkenden de twee prinsen die, tegen elkaar gedrongen, rechts +en links wantrouwig-schuwe blikken wierpen; allen begrepen aan +Massijns houding dat hij ze als uitdagende verrassing had doen +meekomen, om te zien of men nu nog eens zo brutaal met hen de spot +zou durven drijven. Doch neen, iets dergelijks zou ditmaal niet +geschieden. Het volk wist nu reeds te veel af van Congoland, de +zwarte huid van de Afrikanen verwekte geen hoongeschreeuw meer. Een +dof rumoer ging zwellend door de straat, de honderden toeschouwers +volgden, met het getrappel van een kudde, Massijn en zijn gezellen +naar <i>Het huis van Commercie</i>, en de meeste blikken bleven gevestigd +op de lange jongeling met bleke baard en blauwe ogen, die men +beweerde de beroemde Afrika-reiziger te zijn.</p> + +<p>En dát was een teleurstelling. Men had zich voorgesteld een kerel +tenminste zo raar gekleed als Massijn zelf, en een die daarenboven +zwart van huid zou zijn, zoals de blikslager Blink beweerd had dat +Massijn, na enkele maanden verblijf in Afrika, zou worden. En daar +zag men nu in plaats daarvan een soort van handelsreiziger in +ellegoederen of specerijen, zonder het minste uiterlijke prestige. +Onheilspellende spotgeluiden begonnen zich toch hier en daar te +laten horen; Blink, die met de stoet meeging, riep onbeschroomd dat +de man geen echt Afrika-reiziger was. Alleen het reusachtige valies, +dat door een bediende van het station Bavel op de rug gedragen werd, +boezemde nog eerbied in. Men beweerde dat dit vol zat met wapens en +foltertuigen, en dat ook daarin het officieel uniform stak van de +reiziger, die zich zou verkleden vooraleer als spreker op te treden.</p> + +<p>In <i>Het huis van Commercie</i> hadden al de voornaamste ingezetenen van +Akspoele, uit gunst vóór het gepeupel binnengelaten, op de stoelen +van de bovenzaal reeds plaatsgenomen. Dáár zaten op de eerste rang, +als de voornaamste van de aanhoorders, moeder Massijn en Fietje, +beiden zeer deftig in het zwart gekleed; meneer en mevrouw +Potvlieghe; meneer Spittael en zijn twee magere, gele juffrouwen, +meester De Vreught en zijn ouderwetse zuster; en dan de juffrouwen +Balcaen, de juffrouwen Speleers, de juffrouwen Van Vreckem, en dan +nog vele andere juffrouwen en heren, met één woord al de notabelen +van de gemeente. En toen achter deze eerste rijen van uitgelezen +publiek de dubbele deur voor de menigte geopend was, werd de zaal +als het ware stormenderhand ingenomen. In een oogwenk was ze +stampvol. Een soort van worsteling greep zelfs plaats in de +achtergrond, waar het donker gezicht van Blink boven de hoofden +uitstak; maar na enkele energieke 'chuts' van meester De Vreught, +die opstond en zich gestreng naar de lawaaimaker omkeerde, bekwam +men weer een betrekkelijke stilte. Er was een ogenblik van spannende +verwachting; toen werd aan de overzijde van de zaal, achter een +soort van estrade, een deur geopend, en plechtig trad de +Afrika-reiziger met Massijn en de twee zwarte prinsen binnen.</p> + +<p>Het was onder de notabelen, evenals 't geval was geweest met het +gepeupel op de dorpsplaats, een eerste ogenblik van verbaasdheid bij +het onverwacht terugzien van de twee zwarte prinsen, en van +teleurstelling voor het handelsreizigersachtige uiterlijk van de +voordrachtgever. Die lieden waren echter te wel opgevoed om langer +dan het betaamde zulks te laten blijken, en een zeer warm, door +meester De Vreught op het getouw gezet handgeklap weergalmde, +terwijl het viertal, na een beleefde buiging tot het publiek, op de +estrade, achter een, met een groen kleed bedekte tafel, zitten ging. +De bediende met het valies was ook binnengekomen en weer vertrokken, +nadat hij zijn last naast de reiziger had neergezet; en terwijl deze +uit de binnenzak van zijn jas een cahier te voorschijn haalde en +eens even van het in zijn bereik staand glas water dronk alvorens +zijn voordracht aan te vangen, staken fatsoenlijke lui fluisterend +het hoofd bij elkaar, en keken goedkeurend-glimlachend naar Massijn, +alsof zij zeggen wilden dat zij het zeer kranig vonden, dat hij nog +eens met zijn prinsen op het dorp terugkwam. Toen dronk de reiziger +nogmaals een teugje water, en, nadat hij ook nog eens gekucht had, +begon hij zijn voordracht, dezelfde, die hij sinds anderhalf jaar +aan de vier hoeken van het land uitkraamde. De boeren en 't +gepeupel, op houten banken gezeten staande in de achtergrond van de +zaal, luisterden met wijde ogen en gapende monden; de fatsoenlijke +lui hielden het hoofd gebogen en de blik opzij, een weinig uit het +veld geslagen door het zeer onaangenaam orgaan van de Brusselaar, en +de bijzonder platte manier waarop hij zich in het Vlaams, dat hij +maar zeer gebrekkig scheen te kennen, uitdrukte. Meester De Vreught, +om geen enkel woord te verliezen, zat gans voorovergebogen, met de +rechterhand rechtsvormig aan het oor, het aangezicht verwrongen door +een gegrinnik van inspanning, dat langs de ene zijde van zijn +scheefgetrokken mond zijn brokkelig, vuilgeel gebit ontblootte. Wat +Massijn betreft, die had een houding van diepgeabsorbeerd nadenken +aangenomen, de rechterelleboog op de tafel, het saamgefronste +voorhoofd rustend in de handpalm. Hij scheen zich heel en al in +'s prekers woorden te verdiepen, en af en toe, wanneer hem iets +bijzonders trof richtte hij plotseling 't hoofd op, en tuurde met +starre blik en goedkeurend geknik naar 't publiek, of hij zeggen +wilde dat de spreker nu de spijker op de kop sloeg, en hij er ook +iets van afwist en er desnoods in mee kon praten.</p> + +<p>Toen hij aldus ruim een halfuur gesproken had, boog de redenaar +naast de tafel neer en haalde één voor één uit het valies de +voorwerpen te voorschijn, die hij zijn aanhoorders wilde laten zien.</p> + +<p>—Kaaik, meinsche, riep hij in zijn plat-Brusselse tongval,—hier +as het zweird woarmeide zei in Congo de veruurdielde de kop afsloan +en hier zaain de bogens en de paaile woarmeide de wilde zich teigen +de Europeoane verdeidige... Past op, doar es vergèf aan de puint.</p> + +<p>Een gejoel van gretigheid ontstond in de zaal, de spreker, nogmaals +buigend, toonde een soort houten ruw gebeitelde pop, die vol zat met +nagels, spijkers, stukjes glas en eindjes lint en touw.</p> + +<p>—En hier as ien van ulder afgode, woar ze goan veuren bidde en +offerande breinge as z'n gunst of 'n geluk verlange te bekówme...</p> + +<p>Massijn had zijn plaats verlaten, en, staande op de uiterste rand +van de estrade, reikte hij beurtelings de voorwerpen aan de +personen, die nieuwsgierig waren ze van nabij te aanschouwen of te +bevoelen. De dames, huiverend van schrik en afkeer, durfden haast +niets aanraken; alleen de mannen staken gretig de handen uit. Vooral +meester De Vreught, die opgestaan was en zijn bril had opgezet, +examineerde ieder stuk met een glimlach van innige belangstelling, +alvorens ze aan de naast hem zittende heren Spittael en Potvlieghe +te overhandigen. Een toenemend rumoer verspreidde zich in de zaal; +uit de achteraan ineengeperste volksschaar weergalmde de stem van de +blikslager zo luid, dat meester De Vreught opnieuw met een +gezagvoerende vermaning het stilzwijgen moest gebieden, terwijl de +beide prinsen Badoe en Soera angstige blikken op de uitgangsdeur +begonnen te werpen.</p> + +<p>Doch eenieder kreeg op zijn beurt de wondere dingen te aanschouwen, +en, nadat wapens, gereedschap en afgod van hand tot hand rondom de +zaal waren gedragen, werden zij door Massijn in het valies +teruggelegd en ging de redenaar met zijn voordracht door. Hij was op +een vrij kies terrein, namelijk op het gebied van de Congolese zeden +geraakt.</p> + +<p>—Doames en hiere, riep hij,—in Congoland bestoat oalgemien de +veelwaaiverij. De vrouw as er 'n sloaf die as 'n geweune woare +verkocht wordt.</p> + +<p>Massijn, op zijn plaats teruggekeerd, wierp triomfante blikken op +het auditorium; want wat de spreker thans bevestigde was juist een +van die dingen die hij het moeilijkst aan zijn gewone +herbergaanhoorders kon doen geloven. Meester De Vreught, onder +ander, had het maar nooit kunnen aannemen, dat er zulke dierlijk +bedorven lui, als Fortuné vertelde, op de wereld bestonden.</p> + +<p>—Joa, maainsche, zu gebuirt da doar! voer de spreker plat voort.— +En de waaive, die van niets beiters weite, komen doar volstrekt nie +teigen in opstand, woarschaainloaik omdat zen uuk wal voele dat het +er toch nie mee zou boate...</p> + +<p>Een dof geraas liep door de zaal, het mansvolk grinnikte met schalks +genoegen, en in de achtergrond vernam men weer de stem van de +blikslager Blink, die schertsend een opmerking maakte, terwijl +integendeel onder het dames- en vrouwenpubliek als een beweging van +ongemak plaatsgreep, begeleid door gekuch en schuins-verlegen +blikken in beschaamd-blozende gezichten.</p> + +<p>—Maai persuunlaaik, riep luider de reiziger,—as het gebuird langs +den Kimbiri een Arabischen chef te ontmoeten die mier dan +vaaifhonderd waaiven had!</p> + +<p>Er ontstond in de zaal een geluid van verschoven stoelen, en +plotseling, als door een zelfde automatische springveer bewogen, +rezen de drie juffrouwen Balcaen van hun plaats op. 't Was een kort +ogenblik stomme verslagenheid. Meester De Vreught slaakte een oh! +van ontsteltenis en de spreker onderbrak even zijn voordracht, +terwijl de drie, ruim vijfenveertigjarige juffrouwen, stijf en +genepen, met neergeslagen blik en vurige wangen schuins uit de +stoelenrij drongen en de zaal verlieten.</p> + +<p>Massijn, de beide handen uitgestrekt als om een ramp te bezweren, +was opgestaan. De spreker, heel even maar gestoord, verklaarde +doodkalm met een veranderde stem:</p> + +<p>—Doames en hiere, ik mien te bemerke dat er hier meinsche zaain die +op zekere punte nogal lichtgeroakt zaain. Maai dunkt nochtans dat ik +niets gezeid heb da nie gehoord mag worde.</p> + +<p>—De...e zeden van de wilden, mo...ogen immers niet vergeleken +worden met de onze, stamerde Massijn in de drukkende stilte gans +ontroerd en tevens prat voor de eerste maal van zijn leven tot een +groot publiek te spreken.</p> + +<p>Aller ogen waren beurtelings op het viertal om de tafel en op de +drie naast elkaar staande ledige stoelen van de juffrouwen Balcaen +gevestigd; de stilte werd benauwend. De angstige blikken van Badoe +en Soera gingen heen en weer van het roerloos publiek naar de +gesloten deuren en vensterramen.</p> + +<p>—Tut! tut! tut! laat die domme kwezels lopen en ga voort, riep +eensklaps een brutale stem achteraan in de zaal.</p> + +<p>Meester De Vreught, verontwaardigd opstaand, berispte streng de +vermetele onderbreker. Toen raadpleegde hij haastig en in stilte +zijn gezellen Spittael en Potvlieghe, die goedkeurend met het hoofd +knikten. En, zich tot de Afrika-reiziger wendend:</p> + +<p>—Meneer, sprak hij met zijn vriendelijkste glimlach,—gaarne +willen wij vaststellen dat er in uw voordracht niets zedenschendends +is, maar, als het er voor u niet op aankomt, zouden wij toch liever, +om niemands, ook misschien overdreven kiesheidsgevoelens, te +kwetsen, dat gedeelte van uw interessante voordracht zien achterwege +blijven.</p> + +<p>Opnieuw was er een ogenblik volkomen stilte, even gestoord door de +stem in de achtergrond, die nogmaals vrijpostig tot de redevoerder +riep dat hij maar ongestoord zou doorpraten. Maar terwijl meester De +Vreught zich rood van toorn tot de beroerde kerel omkeerde en +dreigde hem aan de deur te zetten, slaakte Kinel een brutale +spotlach en antwoordde hij, schouderophalend:</p> + +<p>—Joa! ...zu! ...O, maai as da precies gelaaik, zulle! Maai kan da +volstrekt nie schele!</p> + +<p>En, na een tweede spotlach en enkele gefluisterde woorden tot +Massijn, zette hij met een ander onderwerp zijn voordracht door.</p> + +<p>Deze liep overigens op een einde. Kinel vertelde nog enkele +bijzonderheden van middelmatig belang, en, als slotrede zich +halvelings tot Massijn wendend, sprak hij de lof uit van de jeugdige +reiziger, die weldra naar het verre land zou vertrekken om onder de +barbaarse volksstammen de weldaden van de beschaving te verspreiden.</p> + +<p>Het storend incident van zoëven was vergeten; de ganse zaal, in +geestdrift vervoerd, hing op dat ogenblik, zoals meester De Vreught +het naderhand noemde, aan 's sprekers lippen. De heren knikten +gewichtig met het hoofd, de vrouwen waren bleek van ontroering, +moeder Massijn en Fietje barstten plotseling in tranen los. En toen +Kinel, Massijns beide handen vatte en die hartstochtelijk schudde, +hem met een dreunende stem goede reis en veel succes wensend, toen +stond het ganse publiek als één man op en brak het in daverend +gejuich en handgeklap los.</p> + +<p>Vruchteloos poogde Massijn, die bleek zag als een doek, ook enkele +woorden van dankzegging te stameren: applaus en gejuich smoorden +zijn woorden; hij kon enkel, evenals Kinel, groetend buigen, terwijl +zij beiden, met de prinsen, naar de deur achteruitweken. Alleen op +de drempel, toen de anderen reeds verdwenen waren, keerde hij zich +een laatste maal om; en riep luidkeels, met trillend uitgestrekte +arm:</p> + +<p>—A...adieu! Adieu! et me...erci!</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>VIII</h3> + + +<p>De plechtige dag was eindelijk aangebroken.</p> + +<p>Om acht uur 's morgens kwam het open rijtuig van Samson, de Bavelse +stalhouder, vóór het huis van de weduwe Massijn stilhouden. De +vorige dag had Fortuné een algemene biecht gesproken en die morgen, +gedurende de eerste mis, gecommunieerd. Hij was tot de lange reis +uitgerust. Al zijn afscheidsbezoeken waren volbracht, zijn volle +koffers stonden op elkaar gestapeld in het smalle gangetje, hij +moest maar een laatste maal zijn moeder en Fietje omhelzen en ook +even in 't voorbijgaan het rijtuig doen stilhouden voor de stoep van +<i>Het huis van Commercie</i>, om nog eens Eu...Eulalie tegen zijn hart te +drukken.</p> + +<p>De voordeur ging open en meester De Vreught kwam binnen. Hij was +op zijn allerbest gekleed, in lange zwarte jas en ouderwetse hoge +hoed. Bescheiden glimlachend verscheen hij in de keuken, waar +Massijn, in groot uniform, gereed stond. De koetsier, na meester +De Vreught binnengekomen, haalde met gedruis de koffers weg en stapelde +die op de bok van het rijtuig.</p> + +<p>—A...allons, moe...der en zuster, heb moe...oed, het ogenblik is +gekomen, sprak Massijn met een stokkende stem. En bleek, met +rood-geweende ogen, naderde hij tot zijn moeder om haar te omhelzen.</p> + +<p>Werktuiglijk waren de beide vrouwen opgestaan.</p> + +<p>—Vaarwel, Fortuné, en God beware u, jongen, sprak de snikkende +moeder haast onhoorbaar.—Schrijf ons, schrijf ons dikwijls, gedraag +u goed, en pas op uw gezondheid. En 't hoofd op zijn borst gezegen +gaf zij hem, met weifelende hand, een 'kruisken' op het voorhoofd.</p> + +<p>—Vaarwel, Fie...ietje, to...ot weerziens, snikte Massijn, tot zijn +zuster naderend.</p> + +<p>Met een in tranen badend gelaat omhelsde zij hem, en gelijk moeder, +gaf ook zij hem bevend een 'kruisken'.</p> + +<p>Toen huilden zij alle drie in stilte, een lange wijl.</p> + +<p>Meester De Vreught had zijn zakdoek uitgehaald en snoot zich +luidruchtig. Buiten in een dof gegons van menigte, klonk bijwijlen +het stampen van de hoefijzers van het paard op de stenen.</p> + +<p>—Komaan,... komaan, Fortuné, 't is tijd, sprak meester De Vreught, +Massijn bij de mouw trekkend.</p> + +<p>Een laatste maal, de ogen beneveld door tranen, aanschouwde hij zijn +moeder en zijn zuster, die opnieuw met het voorschoot vóór het +aangezicht op stoelen waren neergezakt. En daarop keerde hij zich +met een bruuske beweging om, volgde de meester uit het huis, en klom +in 't open rijtuig, dat onmiddellijk in snelle draf vooruitreed.</p> + +<p>Aan de ommedraai van de straat, vóór de stoep van <i>Het huis van +Commercie</i>, hield het weer stil. Dáár stonden, eveneens op hun best +gekleed, met zwarte jas en hoge hoed, en omringd van een krielende +volksschaar, de heren Spittael en Potvlieghe. Massijn, wiens +ontroering reeds een weinig gestild was, wipte uit het rijtuig, liep +vlug over de treden van de stoep, doorkruiste de van verwarde +beweging en geluiden dreunende gelagzaal, sloop in het +achterkamertje, waar Eulalie beloofd had op hem te zullen wachten.</p> + +<p>Zij was er inderdaad, in een houding van treurig peinzen op een +stoel gezeten naast het venster, de wangen bleek en de ogen nog +vochtig van tranen.</p> + +<p>Haastig, met uitgestrekte handen, kwam hij tot haar, omstrengelde +haar het middel, kuste haar hartstochtelijk op mond en wangen. En +plotseling, als daar zoëven bij zijn moeder en zijn zuster, barstte +hij in een wild snikken los. Hij klemde zich aan haar vast, hij +zoende haar nogmaals en nog, hoe langer hoe hartstochtelijker; en op +dat plechtig ogenblik, in die wanhopig-verliefde knelling van +beider lichamen die van elkaar niet wilden scheiden, kreeg hij even, +in een plotselinge openbaring, benevens het akelig visioen van de +rampen en ellenden die hij tegemoet liep, het helder bewustzijn van +de gekheid van de daad waartoe zijn hoogmoedswaanzin hem gedreven +had, en hoeveel beter het zou geweest zijn, gerust met haar als +vrouw, en met zijn moeder en zijn zuster te blijven leven in hun +nederig dorpje, waar men gelukkig was zonder gevaar, waar het echte +geluk heerste in de eentonige opeenvolging van alle gelijke, +vreedzame dagen.</p> + +<p>Maar op de deur weerklonk een storend tok tok van vermaning, en +nauwelijks hadden de rampzalige verliefden de tijd elkander los te +laten, toen meester De Vreught zijn hoofd in het kamertje stak, +Massijn door een wenkteken verwittigend, dat het hoog tijd was te +vertrekken. Toen droogde Fortuné zijn tranen af, en, zich in het +onwederroepelijk besluit versterkend, omhelsde hij een laatste maal +zijn snikkend meisje en zei plechtig</p> + +<p>—Schrij...ijf mij elke week, lie...ieve Eulalie, blijf mij getrouw +gedurende drie...ie jaren, ik za...al het ook doen, en a...als ik +terugkeer zullen wij elkander huwen.</p> + +<p>Een laatste maal zag hij haar aan; een laatste maal riep hij: +—A...adieu! Adieu! en dan verliet hij 't kamertje, en stapte met +meester De Vreught dwars door de gonzende gelagzaal. Zij klommen +weer in het rijtuig waar de heren Spittael en Potvlieghe reeds +plaatsgenomen hadden, de koetsier zweepte zijn paard, en in volle +draf rende 't gespan door het dorp, waar opnieuw al de bewoners +buiten stonden.</p> + +<p>Een luid hoera weergalmde in het daverend wielengeratel, de +verbazende gebeurtenis was een volbracht feit: Massijn vertrok naar +Congoland, hij wás vertrokken!</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>IX</h3> + + +<p>Toen werd het weer stil in Akspoele. Nooit beleefde men er stillere +dag dan die welke op die veelbewogen morgen volgde. Enkel een korte, +ofschoon vrij hevige opschudding greep er, na Massijns vertrek, nog +plaats: de blikslager Blink die, om tien uur stomdronken uit <i>Het +huis van Commercie</i> komend, door zijn geweld de ganse straat in rep +en roer bracht, schreeuwend dat het laatste woord in heel die zaak +nog niet gezegd was, en dat, indien hij, Blink, eenmaal naar Afrika +terugkeerde, wat zeer wel gebeuren kon, hij aan allen eens een les +zou geven hoe men daarmee moest omgaan. Een opgewekte bende jonge +bengels liep jouwend met hem mee, vormde zich tot een woelende +samenscholing vóór zijn deur. En daar zijn vrouw gans ontsteld +buitenkwam en hem bij de arm in huis poogde te trekken, werd hij +eensklaps als razend, en overlaadde hij haar met slagen in het +midden van de straat, met uitpuilende ogen briesend dat hij van +niemand bevelen te ontvangen had, en dat hij niet huilen zou als +Massijn op de dag van zijn eventueel vertrek.</p> + +<p>Maar toen dit incident voorbij was, werd het dorp zo eenzaam of er +geen ziel meer in leefde. De morgen, de middag, de ganse dag liep +aldus voorbij, en eerst toen de laatste postwagen van Bavel op de +dorpsplaats aankwam, de heren Potvlieghe, Spittael en De Vreught +huiswaarts brengend, stonden hen een twintigtal personen af te +wachten.</p> + +<p>Die heren wisten echter weinig te vertellen. Alles was zeer goed +afgelopen, Massijn was kloekmoedig geweest tot het laatst, hij was +vertrokken met de glimlach op de lippen, en tot het laatste moment, +terwijl het reusachtig, bruisend en fluitende schip zich reeds van +de kade verwijderde, had hij gegroet met de hand en daarna gezwaaid +met hoed en zakdoek.</p> + +<p>Enkele dagen verliepen: Akspoele was geheel en al weer verzonken in +de doodse vrede van het alledaagse leven. Van lieverlede hadden +moeder Massijn en Fietje, en ook Eulalie zich in Fortunés vertrek +geschikt. Meester Potvlieghe had hem op zijn kantoor laten vervangen +door een andere commies, en enkel in <i>'t huis van Commercie</i> praatten +de notaris en zijn gezellen nog elke avond over Fortuné en zijn +verre reis. Zij leefden in afwachting op tijdingen van hem. Op het +laatste ogenblik van de scheiding hadden zij hem nog eens herhaald +dat hij hun dikwijls moest schrijven, en hij had beloofd zulks te +doen in elke haven waar de stoomboot zou aanleggen.</p> + +<p>Maar telkens en telkens gingen de door die heren voorop berekende +datums voorbij zonder de minste tijding van Massijn te brengen. Dat +duurde en duurde zo vreselijk lang dat zij zich begonnen af te +vragen of er soms een ongeval gebeurd was met de stoomboot, of +Massijn wellicht schipbreuk had geleden. Zij durfden er bijna niet +luid meer over spreken, en zij ontweken zoveel mogelijk het huis van +de weduwe Massijn, waar de twee vrouwen opnieuw ganse dagen zaten te +wenen. Elke morgen ondervroeg meester De Vreught met verbazing en +bijna met wantrouwen, of hij de man van plichtsverzuim verdacht, de +brievenbesteller van Bavel, die ook de dienst van Akspoele deed. +—Nog niets'... nóg niets!</p> + +<p>Waarlijk nóg niets' En reeds werd in het dorp het akelig nieuws +verspreid dat Massijn bepaald dood was, toen eindelijk, op een +morgen, de Bavelse postbode, met een van vreugde stralend gelaat, +als was hij zelf van een zware kommer ontlast, bij de weduwe +Massijn, bij de heren Potvlieghe, Spittael en De Vreught, en ook in +<i>Het huis van Commercie</i>, voor Eulalie, zwaar gestempelde brieven +bracht, met vreemde postzegels op de omslag.</p> + +<p>Zij waren van Massijn. Meester De Vreught was er zo hevig door +ontroerd, dat zijn brief hem als een blad tussen de vingers +sidderde. Hij riep zijn zuster en verzocht haar de brievenbesteller +te onthalen op een glaasje jenever, terwijl hij zelf, met een +vrolijk lachje van verzoening, de man op de schouder klopte. En +alvorens de omslag te scheuren keek hij ook lang glimlachend naar de +postzegels: een chocoladekleurige en een oranje, die beide in het +medaljon een dik, onaardig kinderhoofd droegen, onder het duidelijk +leesbare woord van de stempel: Las Palmas.</p> + +<p>Toen opende hij voorzichtig de omslag met zijn pennemesje, haalde er +de brief uit, ontvouwde die, en las.</p> + +<p>Hij las hem tot het einde zonder op te houden, de gelaatstrekken +onbeweeglijk van opgewekte aandacht, even met een wrevelige +hoofdbeweging de ongeduldige vraag van zijn zuster:—Welnu, wat +staat er al in?—wat schrijft hij? beantwoordend.</p> + +<p>De vier zijden van het dubbele blad waren doorgelezen toen hij nog +steeds roerloos op de brief stond te staren, als zocht hij er iets +in te lezen dat hij maar niet vinden kon; en in de enveloppe keek, +om zich te overtuigen dat er waarlijk niets meer achter was. Met een +zware zucht als had hij een overmachtigende taak verricht, reikte +hij hem eindelijk aan zijn zuster, toonloos zeggend:</p> + +<p>—Hij maakt het goed, maar hij vertelt haast niets.</p> + +<hr style='width: 35%;' /> + +<p>De brief was inderdaad van een wanhopende banaliteit, en, op vele +plaatsen, bijna onbegrijpelijk. Behalve wat hij schreef over +zichzelf en zijn gezondheid, die eerst wel wat te wensen overliet +tengevolge van zeeziekte, vergenoegde Massijn zich met zijn +reisindrukken weer te geven, door het nagenoeg louter abstracte +citeren der eigennamen van ontmoete personen of geziene dingen. Hij +schreef: 'den zesden juni is het schip ongeveer vijf uren stil +gebleven vóór Madeira om kool in te laden, en den volgenden morgen +hebben wij de <i>Coomassie</i> ontmoet die naar Europa terugtoog', maar +zonder door een enkele omschrijving aan te duiden, wat voor een +uitzicht Madeira wel had, noch wat de <i>Coomassie</i> ook zijn mocht. +Ofwel hij vertelde: 'Terwijl ik zit te schrijven komt mijn goede +vriend dokter Dancla mij voorstellen samen in den bar een cocktail +te gaan nemen'; of nog: 'Ik moet het schrijven staken want wij zijn +reeds volop in 't gezicht van Las Palmas, waar ik mijn brief zal +posten...', doch zonder evenmin uiteen te zetten wie of die nieuwe +goede vriend dokter Dancla, waarvan hij vroeger nooit gesproken had, +wel wezen kon, noch wat de cocktail of de bar betekende, noch vooral +wat zijn mocht dat tantaliserend iets, dat meester De Vreught, in +zijn nuchtere-verbeelding, zich als de betoverende verschijning van +een Eden voorstelde: volop in het gezicht te komen van Las Palmas.</p> + +<p>Hij voelde zich in hoge mate teleurgesteld, hij zette haastig zijn +hoed op en liep bij zijn buurvrouw aan, in de hoop dat Fortuné +tenminste aan zijn moeder en zijn zuster meer bijzonderheden zou +geschreven hebben.</p> + +<p>Maar de brief, die zij van hem gekregen hadden bevatte volstrekt +niets interessanter. Ook dáárin geen de minste beschrijving van al +de wonderen die hij toch moest gezien hebben. Trouwens, daarom +bekreunden moeder Massijn en Fietje zich het minst. Het enige wat +hun van belang kon wezen was hem in goede gezondheid te weten, en +zij weenden van zalige ontroering omdat zijn brief, goddank, hen +dienaangaande had gerustgesteld.</p> + +<p>Meester De Vreught, meer en meer teleurgesteld, verliet hun woninkje +en begaf zich beurtelings bij de heren Spittael en Potvlieghe, +alsook naar <i>Het huis van Commercie</i>. Hij vond zijn twee vrienden niet +minder ontgoocheld dan hijzelf was, vooral de handelaar in kolen, +die dolgaarne iets meer zou vernomen hebben aangaande dat +interessante kolen inladen vóór Madeira; en, wat Eulalie betreft, +die stond vuurrood in de herberg achter de schenktafel en weigerde +bepaald iets van de brief, die ook zij ontvangen had, te laten +lezen: alleen verzekerde zij meester De Vreught dat er volstrekt +niets in stond van de dingen die hem zozeer interesseerden.</p> + +<p>Die avond, in <i>Het huis van Commercie</i>, omringd van een groep +dorpelingen die het nieuws van de aangekomen brieven daar aangelokt +had, praatten die heren langdurig over de gewichtige gebeurtenis. +Een wereldkaart, ergens uit de diepten van een lade door meester +De Vreught opgegraven, werd in de gelagzaal op een tafel uitgespreid, +en, bij gebrek aan iets beters, inventeerde meester De Vreught zelf, +voor de hem gapend omringende toehoorders, de uitleggingen die hij +zo graag van Massijn zou vernomen hebben. Madeira, waar de <i>Loualaba</i> +gedurende vijf uren het anker geworpen had om kolen in te laden, was +het klein eiland daar in volle oceaan, waar de, onder die naam alom +vermaarde, zo lekkere morgenwijn vandaan kwam. Meester De Vreught +had er nog enkele flessen van in zijn kelder, doch was het nu toch +niet jammer dat Fortuné zijn kort verblijf aldaar niet had te baat +genomen, om, al was 't ook slechts een klein vaatje van die fijne +drank naar Akspoele te sturen, zodat men eens over 't verschil kon +oordelen? Maar wat mocht wel die cocktail zijn, welke die dokter +Dancla aan Massijn voorgesteld had in de bar te gaan nemen? +Waarschijnlijk een grote vis en de 'bar' ongetwijfeld het barkje, +het schuitje waarmee zij hem zouden vangen. Blijkbaar waren de +passagiers, die ganse dagen niets te verrichten hadden, aangelokt +tot zulk een tijdverdrijf. Wat betreft Las Palmas, de plaats waar +Massijn zijn brieven naar de post gebracht had, dat was de hoofdstad +van dit eiland hier 'la grande Canarie'. Natuurlijk was het daar, +zoals de naam het genoeg aanduidde, vol prachtige palmbomen, net als +in het eiland zelf de kanarievogels zo overvloedig moesten zijn als +te Akspoele de mussen. Hier, tenminste, schilderden de namen zelf +het tafereel; maar nog eens, hoe jammer toch dat Fortuné niet van +zijn bezoek geprofiteerd had om een twintigtal of zo van die +kanarievogels te vangen en ze naar Akspoele te zenden. Men zou ze +hebben laten kweken met die men hier in kooien hield, en zonder +enige twijfel zou het ras er merkwaardig door verbeterd zijn. Neen, +waarlijk er ontbrak aan Fortuné een gave om fortuin te maken in den +vreemde. Indien hem, meester De Vreught, zulk een heerlijke kans te +beurt gevallen was, zou hij alles, alles wat maar enigszins in zijn +bereik kwam, waargenomen hebben. In weinige jaren tijd zou hij +schatrijk geworden zijn; dát voelde hij. Hoe jammer, hoe ontzettend +jammer, dat Fortuné zich zo maar alles liet ontsnappen!</p> + +<hr style='width: 35%;' /> + +<p>Opnieuw verliepen veertien dagen. Dan, op een morgen, deelde de +Bavelse brievenbesteller een tweede zending vreemde brieven in +Akspoele uit. Deze droegen op de omslag postzegels met het beeld van +koning Leopold en waren gestempeld uit Boma. En, van toen af aan, +kwamen zij regelmatig om de veertien dagen of drie weken, en werden +zij ook wel van lieverlede wat interessanter.</p> + +<p>Terwijl Fortuné nog te Boma was, wachtend tot de karavaan waarmee +hij naar 't binnenland vertrekken zou haar laatste toebereidselen +voltooide, had hij het antwoord van meester De Vreught op zijn +eerste brief ontvangen; en nu de tocht begonnen was, maakte hij soms +van de avondrust gebruik om in zijn tent aan zijn vrienden van het +vaderland te schrijven, en het al te droge van zijn eerste brieven +door meer schilderachtige en anekdotische verhalen te vergoeden.</p> + +<p>In de aanvang waren die mededelingen vol gloed en geestdrift: o, de +natuur was prachtig, wonderschoon in Afrika; het was er een +voortdurend Eden, waarin de mensen leefden als goden; doch van +lieverlede begon die hartstocht te verzwakken, verradend een +gedwongenheid, een opgeschroefdheid om het optimisme vol te houden, +waarbij aldra een meer en meer ontmoedigde teleurstelling tussen de +regels heen duidelijk leesbaar werd. Op zekere morgen, een drietal +maanden na Massijns vertrek, ontving meester De Vreught van hem een +brief van niet meer te bedwingen pessimisme en ontgoocheling.</p> + +<p>'Lieve meester', schreef hij tot de gepensioneerde onderwijzer, 'ik +moet volstrekt eens mijn hart bij u uitstorten. Naar huis en aan +Eulalie schrijf ik voortdurend opgeruimde brieven om ze daar niet te +bedroeven; maar u durf ik toch wel vertrouwelijk zeggen dat alles in +dit land lang niet zoo rozekleurig is als zij in België wel denken, +en dat er hier wel heel veel leelijke en triestige dingen gebeuren, +die niet zouden mogen zijn. En, het is zoo: de Europeanen, die hier +zoo gezegd komen om de wilde volken te beschaven, hebben doorgaans +de grootste schuld daaraan.</p> + +<p>Enkele dagen geleden had onze karavaan, die bestaat uit twee honderd +vrachtdragers, een twaalftal inlandsche soldaten en vijf blanke +reizigers, met valavond stilgehouden in de nabijheid van een dorp. +Daar de plaats geschikt bleek te zijn besloot de kommandant er te +kampeeren. Het avondmaal werd ons, als naar gewoonte voorgedischt in +de groote tent, en, nadat men veel gegeten en gedronken had, (want, +meester, gij hebt geen idee van wat hier door de Europeanen +gedronken wordt) begaf zich een ieder van ons naar zijn +afzonderlijke tent om er den nacht door te brengen.</p> + +<p>Alles was stil geworden in het kamp, en in een diepen slaap lag ik +van mijn vermoeidheid uit te rusten, toen ik plotseling door een +razend gedruisch van geschreeuw en geweerschoten wakker werd +geschrikt. Met een angstkreet sprong ik op, greep mijn geweer, +snelde half aangekleed buiten, gevolgd van mijn boy die gilde of hij +vermoord werd.</p> + +<p>Lichten dwarrelden verwilderd door het kamp, halfnaakte mannen +renden tusschen de tenten heen, op vijftig passen afstands kraakte +een onderbroken musketsalvo, vergezeld van kreten en vloeken, om u +het bloed in de aderen te stollen. Het waren de inboorlingen van het +nabijgelegen dorp die het kamp bestormden. Dat duurde zoo ruim een +half uur in een gebriesch en een verwarring zonder weerga. Dan werd +alles weer stil. Men hoorde niets meer in den donkeren nacht dan het +akelig geklaag der gekwetsten en stervenden.</p> + +<p>Nog ganse ontsteld, vreezend dat er dooden waren onder onze blanken, +vloog ik naar de groote tent, waar wij den vorigen avond gedineerd +hadden. Maar ik zag dadelijk dat mijn vrees ongegrond was. Mijne +vier blanke medereizigers stonden ongedeerd rondom een tafel waarop +twee kaarsen brandden. Zij lachten zelfs uitbundig toen ik +binnenkwam, en, terwijl een boy twee flesschen champagne en glazen +op de tafel schikte, ontwaarde ik, tot mijn stomme verbazing, bij +het weifelend schijnsel der kaarsen, in eenen hoek der tent vier +halfnaakte vrouwen: vier jonge negerinnen die zich bevend en huilend +van schrik tegen elkaar aandrongen. Verbaasd bleef ik een oogenblik +aan den ingang der tent het tafereel aanstaren. Dan vroeg ik wat er +gebeurd was, waarom de inboorlingen het kamp hadden aangevallen.</p> + +<p>'O, ziedáár waarom,... omdat wij een beetje pret wilden maken', +antwoordde de chef der karavaan, met den vinger naar de negerinnen +wijzend. En met iets spottends in zijn op mij gevestigden blik.</p> + +<p>'Zeg eens, zijt gij alleen dan vrijgezel gebleven, dezen nacht' +schertste hij.</p> + +<p>Ik laat u denken, waarde meester, hoe verontwaardigd ik was. Ik boog +zonder een woord te spreken en ging de tent uit. Maar eerst den +volgenden morgen vernam ik de gansche waarheid: die mooie heeren +hadden met geweld de vier vrouwen in het dorp doen schaken, en 't +was om zich te wreken dat de inboorlingen 't kampement bestormd +hadden. En dát noemt men in België de wilde volken beschaven! Weet +ge wat ze bijzonder goed van onze beschaving onthouden hebben, +meester: vloeken en jenever drinken. Voortdurend, bij elke +inspanning, als ze een vracht moeten sleuren, als ze eens flink +moeten roeien, komen de godverrr...s en de sakerrr...s uit hun mond +gerold. Ze vloeken gelijk duivels, waarde meester; en, wat de +jenever betreft, zoodra ze daar maar kunnen aan geraken drinken ze +er op los tot ze vallen. Mijn meening is, meester, dat die menschen +veel gelukkiger waren vóór zij onze beschaving kenden. Maar de +goddelijke rechtvaardigheid straft zulke gruwelen als de Europeanen +hier bedrijven. Zij allen die zich zóó aan den drank en aan de +<i>Zwarte Kost</i> overgeven, worden al spoedig de slachtoffers hunner +eigen misdaden. Het vreeselijk klimaat van Afrika straft hun +overdaden met een doodvonnis, en het is wel besteed.</p> + +<p>Ziehier nu, waarde meester, nog een andere gebeurtenis. Het is +gebeurd eergisteren, tijdens een stilstand onzer karavaan in eene +factorij aan den oever der rivier. Ik zal maar liever geen namen van +plaats noch personen noemen; een brief geraakt zoo gemakkelijk +verloren in deze wilde streken, en hier, evenals in België, en +misschien nog meer dan in België, bestaat er zooveel jaloerschheid, +geheime aanklacht, bespieding. Enfin, waarde meester, ziehier, in +korte woorden, wat het is.</p> + +<p>Toen wij op de bewuste plaats aankwamen zagen wij naast de kade der +factorij een kleine stoomboot van den Staat liggen, die op het punt +was om naar Boma te vertrekken. Er waren verscheidene blanke +passagiers aan boord, waaronder namelijk de chef der factorij, die, +na zijn volbracht termijn van drie jaren, naar Europa terugtoog. Het +is, tusschen haakjes gezegd, een in België gehuwd man, vader van +vier kinderen.</p> + +<p>Wij waren even aan boord van de stoomboot gegaan om de vertrekkende +landgenooten te groeten, en wij keerden bij de aan den oever +rustende karavaan terug, toen eensklaps, terwijl het stoombootje de +kade verlaat, op den top der rots welke op die plaats over den +stroom helt, een gillend angstgeschreeuw weergalmt. Schrikkend slaan +wij de oogen op, en ontwaren op de spits der rots, aan den boord +zelven van den afgrond, een vrouw, een jonge negerin, die, smeekend +en huilend, met gebaren van wanhoop haar beide armen, waarin zij een +klein kind houdt, naar het vertrekkende schip uitstrekt. En +plotseling, op het oogenblik zelf dat achter haar twee negers komen +aansnellen die haar grijpen willen, werpt zij een laatsten schreeuw +uit en springt van meer dan honderd meters hoog met haar kind in den +stroom...</p> + +<p>Op die plaats, meester, buitelt het water van den Congo in +wild-schuimende draaikolken over een bed van scherpe rotsblokken. +Zelfs de sterkste zwemmer zou er bezwaarlijk zijn leven kunnen +redden. Ook durft niet een enkel onzer redders, ondanks al hunne +moed, in 't water springen. Vier mannen snellen in een schuitje en +pagaaien uit al hunne macht een vijftigtal meters stroomafwaarts, +waar de rampzalige vrouw, medegesleept door den wilden stroom, een +enkel oogenblik is opgedoken, haar kind steeds in de armen houdend. +Doch alle pogingen zijn vruchteloos. Na ruim een half uur zoeken en +peilen moest men het opgeven.</p> + +<p>Welnu, meester, wilt gij weten wie die vrouw was en waarom zij in +den stroom sprong!... Zij was de bijzit van den chef der factorij, +van dien in België gehuwden man en huisvader; en zij bracht zich met +haar kind, met zijn kind om 't leven, omdat hij weigerde haar op +zijn terugreis met zich mee te nemen.</p> + +<p>P.S. Veel groeten van uw beste vrienden, de jonge prinsen Albert +Badoe en Boudewijn Soera. Gij kunt u maar niet verbeelden hoe +gelukkig zij waren toen zij hun vaderland terugzagen. Doch het is +jammer dat ze haast dadelijk weer zoo vreeselijk wild geworden zijn. +Het is of al het vernis van beschaving, dat zij uit België +medebrachten, hun plotseling ontnomen werd. Zij hebben reeds +driemaal tegen andere knapen van hun leeftijd gevochten, en men is +er ook toe genoodzaakt geweest hun de vóór het vertrek uit +Antwerpen als geschenk gegevene revolvers te ontnemen, +omdat zij er mee op de dragers schoten. Zij willen ook geen woord +van het Vlaamsch of Fransch meer spreken, dat men hun met zooveel +moeite heeft geleerd. In hunne wilde taal, integendeel, praten en +schreeuwen zij voortdurend. Ik vrees sterk, waarde meester, dat onze +beschaving op hen al niet meer indruk heeft gemaakt dan regen op een +eend.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>X</h3> + + +<p>Op weg naar Leopoldville; in mijne tent, +den 3den juli, zes uur 's avonds.</p> + +<p><i>Waarde Meester,</i></p> + +<p>Ik kan niet laten u nog een anecdote te verhalen, die mij +verontwaardigd heeft en tevens doen lachen. Het is betrekkelijk een +zonderling geschenk, dat ik gisteren de gelegenheid had te +ontvangen, maar hetwelk ik 'met entrain' van de hand gewezen heb.</p> + +<p>Ik was, door den bevelhebber der expeditie, met drie soldaten en +enkele dragers naar een dorp uitgezonden geweest, om er, tegen +ruiling van kralen, katoenlinnen en... whisky, levensmiddelen te +bemachtigen.</p> + +<p>Zoodra ik in het dorpje aankwam beval ik dus, zooals de gewoonte is, +musketsalvo en tromgeroffel, en liet ik mij aan het inlandsch +opperhoofd voorstellen.</p> + +<p>Deze, een oude grijze dronkaard met een afzichtelijke tronie, +walgwekkend van smerigheid, zat, of liever lag half uitgestrekt op +eene vuile mat, vóór het rampzalig strooien krot, dat hem tot +Koninklijk paleis diende. Rechts en links stonden, fiks en +onbeweeglijk, twee schildwachten. Op zijn bevel komt een slaaf te +voorschijn met een beker vol palmwijn, en nadat de oude vuilik er +met zijn kwabbige lippen een slok van gedronken heeft, reikt hij mij +den beker toe met het verzoek zijn voorbeeld na te volgen, ten +teeken van vrede. Ik ben wel genoodzaakt zulks uit beleefdheid te +doen, doch gij kunt denken, meester, met welken afkeer. Ik dacht dat +ik er waarlijk van zou braken. Enfin, ik doe het toch en nadat ik +hem de geschenken overhandigd heb, die wij in name van onzen +kommandant voor hem medebrachten, begin ik, door tusschenkomst van +onzen tolk, het doel van mijn bezoek uit te leggen.</p> + +<p>De kerel aanvaardt met welgevallen onze giften, en, na een +woordenwisseling van enkele minuten, komen wij overeen aangaande den +prijs der te leveren eetwaren. En ik sta op tot afscheidnemen, toen +de man mij door onzen vertolker laat begrijpen, dat hij mij ook een +geschenk wenscht te geven. Daarover betuig ik hem natuurlijk mijn +dank; en, op een nieuw bevel van hem, verschijnt, ik laat u raden +wat meester, ik geef u duizendmaal om het te raden,... welnu, op +zijn bevel verschijnt een negerin,... een nog al aardig negermeisje +van misschien een vijftiental jaren! Mij minzaam toelachend bleef +zij op een drietal passen afstands staan, terwijl de tolk, in name +van den Koning sprak:</p> + +<p>—Boeboe Ramaga (zoo luidde de naam van dien kerel) verzoekt den +blanken reiziger de jonge Khabinda als geschenk van hem te +aanvaarden.</p> + +<p>Ik hoef u niet te zeggen, waarde meester, of ik pal stond van +verbazing. Het rood der schaamte en der gramschap steeg mij naar de +wangen; en brutaal, op een toon en met een air die geen twijfel +lieten over mijn gevoelens, gaf ik in 't Vlaamsch, ja meester, in +echt ruw Axpoelsch Vlaamsch aan den ouden vuilik dit antwoord:</p> + +<p>—Merci, mijnen boas, ge zij bedankt; 'k en moe van ouwe <i>Zwarte Kost</i> +nie weten!...</p> + +<p>Er ontstond een moment onheilspellende stilte en ik dacht wel, +waarde meester, een onaangenaam oogenblik te passeeren. Doch 't zij +het opperhoofd en zijne hovelingen mijn beleediging niet voelden, of +het beneden hun waardigheid achtten er notitie van te nemen, geen +van hen liet eenigen toorn noch verontwaardiging blijken. Alleen +toen de jonge negerin, die dadelijk besefte wat er omging, mij met +een minachtend lachje en een ophaling der schouders den rug +toekeerde, werd het den koning min of meer duidelijk wat ik gezegd +had, en gaf hij mij dit ontzettend wederantwoord, dat ik hier zoo +decent mogelijk vertaal.</p> + +<p>—Welnu, als ge niet verlangt op de gewone manier haar de uwe te +maken, eet ze dan op.</p> + +<p>Dat klonk nu toch zoo gek, waarde meester, dat ik mij, ondanks mijn +ergernis, niet kon weerhouden er luid om te lachen. Doch ik kwam +terstond tot het bewustzijn mijner deftigheid terug, en, om een +einde aan dat tevens pijnlijk en walgelijk tafereel te brengen, +maakte ik twee stappen vooruit in de richting van den koning, en +liet hem zeggen door den tolk:</p> + +<p>—Boeboe Ramaga, de blanke chef bedankt u voor 't geschenk dat gij +hem geven wilt, doch liever verkreeg hij iets anders, bij voorbeeld +een keus van inlandsche sieraden en wapens.</p> + +<p>Boeboe Ramaga schoot in gullen lach, en, nadat hij mij een oogenblik +met een air als van meewarige spotternij had aangekeken, stemde hij +toe in mijn verzoek. Het negerinnetje verdween, en twee slaven +brachten gansche armvollen van de verlangde voorwerpen aan.</p> + +<p>Ik heb in dat vreemd arsenaal een mooie, rijke keus gemaakt, waarde +meester, en geloof wel dat ik niet vergeten heb ook voor u iets op +zij te leggen. Als wij te Leopoldville zullen aangekomen zijn zal ik +u met de eerste gelegenheid een aantal aardige dingen opsturen. +Vindt ge niet dat zoo iets heel wat beter is, dan gelijk zooveel +anderen aan den Zwarte Kost te doen?</p> + +<p>P.S. Veel komplimenten aan mijn goede vrienden de heeren Potvlieghe +en Spittael. Zeg hun dat ik hun ook met de volgende mail zal +schrijven, doch verder aan niemand een woord, niet waar? over alles +wat ik u in mijn laatste brieven vertrouwelijk heb meegedeeld. Thuis +bij moeder, en in <i>Het huis van Commercie</i> moogt ge daar vooral niet +van gewagen. Ik schrijf met dezen zelfden post naar moeder en naar +Eulalie, doch zonder van die leelijke quaestie van den Zwarte Kost +te spreken.</p> + +<p>P.S. Badoe en Soera hebben ons gisteren verlaten en ik mag u +verzekeren, meester, dat ik het geenszins betreur. Ze moesten de +rivier over varen om naar hun land—of beter gezegd, naar het land +van Soera's vader, bij wien Badoe een tijd gaat logeeren,—terug te +keeren, en wilt gij eens weten, wat ze gedaan hebben toen zij in het +schuitje zaten? Naar ons gegooid met groote steenen, waarvan zij +heimelijk een ganschen voorraad hadden opgedaan. Wat 'n schurken! +Ik ben beschaamd dat ik er ooit mee op Axpoele geweest ben.</p> + +<p>Het begint hier heet te worden! Eerst ging het nogal, maar nu wordt +het bepaald onuitstaanbaar. Gelukkig voor mij dat ik niet mee doe +aan die quaestie van den Zwarte Kost.</p> + +<p>Mijn beste groeten aan uw zuster en gansch vriendschappelijk de uwe</p> + +<p>FORTUNÉ MASSIJN.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>XI</h3> + + +<p>Die kwestie van de Zwarte Kost...! Het scheen wel of Massijn er tot +kwellens toe mee bekommerd was; en zij allen, die van hem brieven +uit Congoland ontvingen, deelden weldra aan elkaar deze opmerking +mee. Naar zijn schrijven te oordelen, zou men hebben kunnen denken, +dat er niets anders interessants in het verre land bestond noch +gebeurde. Beurtelings ontvingen de heren Potvlieghe en Spittael, en +weldra ook moeder Massijn en Eulalie brieven van Fortuné, waarin, +ofschoon met minder vrije ontboezemingen dan in zijn schrijven aan +meester De Vreught, diezelfde zonderlinge benaming voortdurend +terugkwam. En andere kennissen die hij had in de omringende dorpen +en aan wie hij ook nu en dan schreef, vertelden eveneens dat +Massijns brieven sinds enige tijd vol waren met zinspelingen op de +Congolese vrouwen. Men begon er, in sommige herbergen, glimlachend +over te fluisteren, moeder Massijn en Fietje voelden er een soort +van schaamte over, en in <i>Het huis van Commercie</i> verliet Eulalie +met rode wangen en mokkend gezicht de gelagzaal, zodra dat kiese +onderwerp ter tafel werd gebracht. Blink, de onbescheiden +blikslager, geneerde zich niet om luid te zeggen dat Massijn, in +plaats van altijd tegen de zwarte kost uit te varen, beter zou +gedaan hebben er ook eens van te proeven gelijk de anderen, want dat +allen het deden, en dat hij, Blink, het ook gedaan had, toen hij +diende onder het vreemd legioen, in Algiers.</p> + +<p>Toen verliepen er enkele weken zonder dat men nog enige tijding van +Fortuné in Akspoele vernam. En ofschoon moeder Massijn en Fietje +opnieuw zeer ongerust begonnen te worden, toch vonden zij dat +stilzwijgen nog beter dan die ellendige brieven vol toespelingen, +waarover enkele dorpelingen zich vrolijk maakten en velen zich +ergerden. Men had namelijk opgemerkt dat de drie juffrouwen Balcaen, +diezelfde zedige juffrouwen, die destijds, midden in Kinels +voordracht, zo vreselijk geërgerd <i>Het huis van Commercie</i> verlieten, +reeds tweemaal Fietje Massijn op straat ontmoet hadden zonder haar +te groeten, en men beweerde insgelijks dat meneer de onderpastoor op +een morgen bij de weduwe Massijn gekomen was, om over die storende +brieven van Fortuné een soort onderzoek in te stellen. Stellig toch +had Fietje uitdrukkelijk haar broeder verzocht voortaan in zijn +schrijven van al die lelijke dingen niet meer te gewagen. En, net of +Fortuné onmiddellijk aan dit dringend verzoek had kunnen voldoen, +kwam er drie dagen daarna een brief van hem, die zich met Fietjes +schrijven gekruist had, waarin geen enkel woord over het kiese +onderwerp meer voorkwam. Fortuné vertelde slechts, na enkele +onbeduidende dingen, dat hij door een hevige aanval van malaria was +aangetast geweest, en dat hij, ofschoon hersteld, zich nog zeer zwak +gevoelde en grote voorzorgen moest nemen.</p> + +<p>Daarop verliep nogmaals een maand zonder enige tijding van hem. Dan +weer, op een morgen, drie brieven: een voor zijn moeder en Fietje; +een voor Eulalie en een voor meester De Vreught. En nog eens geen +enkel woord, geen de minste zinspeling meer over het onderwerp +waarmee hij maanden lang zo uitsluitend bezig was geweest. Hij sprak +breedvoerig over zijn betrekking en werkzaamheden als +onderintendant; over de steeds brandend-heter wordende dagen en de +bijna koude nachten, over een nieuwe koortsaanval, die hem drie +dagen lang bedlegerig gehouden had. Hij vertelde ook dat hij in de +bossen rondom zijn factorij heerlijke reuzenbloemen ontdekt had, +waarvan hij 't zaad zou trachten op te doen; en dat hij vlinders had +gevangen die zo groot waren als vogels, met gouden en azuren wieken, +die hij aan meester De Vreught zou opzenden om er zijn collectie mee +te verrijken. En slechts op het einde van zijn brieven kwam nog iets +als een duistere herinnering aan wat hem vroeger zo halsstarrig +obsedeerde, namelijk dat men in Congoland steeds zo bijzonder op +zijn gezondheid letten moest, en dat de kleinste buitensporigheid, +van welke aard ook, er de Europeaan zo verschrikkelijk duur werd +betaald gezet. Een van de blanken, die hem op de tocht vergezelden, +was, na een ontdekkingsreis in 't binnenland, zó ziek in +Leopoldsville teruggekomen, dat hij drie dagen daarna overleden was. +Maar was het ook niet krankzinnig: hij hield er niet minder dan drie +inlandse vrouwen op na. Had hij zich dan nog met één enkele tevreden +gesteld!</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + +<h3>XII</h3> + + +<p>En het was op een zachte, heerlijke meimorgen, juist elf maanden na +zijn vertrek, dat plotseling in Akspoele deze ontzettende tijding +als een loopvuur werd verspreid:</p> + +<p>—Massijn is in Congoland gestorven!</p> + +<p>Meester De Vreught lag nog te bed, toen hij de Bavelse +brievenbesteller; die de courant bracht, tot zijn zuster, die een +kreet van smart en medelijden slaakte, deze schrikkelijke woorden +hoorde zeggen.</p> + +<p>Hij sprong uit zijn ledikant, verscheen half aangekleed, met +verwilderd—uitgezette ogen in de gang, ondervroeg dringend de +postbeambte, die zijn ontzettende woorden herhaalde, erbij voegend +dat de akelige tijding de vorige avond per telegram uit Brussel +verzonden was.</p> + +<p>Toen kleedde de meester zich ijlings aan, zette zijn hoed op, en +snelde naar het huisje van de weduwe Massijn.</p> + +<p>Alvorens zelfs een woord te spreken kon hij zich overtuigen, dat de +smartelijke mededeling maar al te waar was. Moeder Massijn en +Fietje, van droefheid op stoelen ineengezakt, stortten, evenals op +de dag van Fortunés vertrek, wanhopig hete tranen; en op 's meesters +ontroerde vraag, liet Fietje hem het telegram zien dat men de vorige +avond uit Boma te Brussel ontvangen, en dadelijk naar Akspoele +overgeseind had:</p> + +<p>Fortuné‚ Massijn, sous-intendant Leopoldville, décédé 13 Mars +fièvre hématurique.</p> + +<p>Het was, in Akspoele, een opschudding bijna zo groot als op de dag +toen Fortuné voor altijd wegging. Doch, hoe vreemd, zeer weinig +medelijden mengde zich in de ontzetting van de dorpelingen. Met +Fortunés noodlottig einde scheen ook eensklaps al de grootheid van +zijn onderneming in puin gestort te zijn, en er niets meer over van +te blijven dan het dwaze en het onbezonnene. Alle de dorpelingen, +tot zelfs zijn vurige bewonderaars de heren Potvlieghe, Spittael en +De Vreught waren het eens om te zeggen dat hij de grootste der +domheden begaan had, en het vrijwillig slachtoffer was van zijn +overmatige hoogmoedswaanzin. Zelfs voegde de lelijke Blink, in zijn +verwaande kennis van de Afrika-toestanden er een bijna boosaardige +zinspeling aan toe: aan een gapend vóór zijn deur geschaarde groep +dorpelingen, die hem naar de oorzaak van Massijns dood ondervroegen, +en de veronderstelling opperden of hij wellicht niet door de wilden +opgegeten was, durfde Blink met een ondeugend geknipoog deze sterk +gewaagde uitlegging geven:</p> + +<p>—Door wilden opgegeten?... Neen, hoor... neen neen neen,... ik weet +immers wel hoe het er in Afrika toegaat, nietwaar? En stiller, +terwijl hij geheimzinnig glimlachend tot zijn verbaasde toehoorders +neeg:</p> + +<p>—Die jongen praatte te veel over de Zwarte Kost. Hij zal er op zijn +beurt ook eens van geproefd en er te veel van gegeten hebben.</p> + +<hr style='width: 35%;' /> + +<p>Drie dagen later werd er, in het kerkje van Akspoele, een plechtige +zielmis gezongen ter nagedachtenis van Fortuné Massijn, overleden in +Congoland voor de beschaving van zijn heidense broeders.</p> + +<p>Omheen en achter de met brandende waskaarsen omringde catafalk, +waarvan het houten geraamte onder het zwart lijkkleed met zilveren +franjes de akelige vormen van de afwezige doodkist voorstelde, had +een drukke schaar dorpelingen van beide geslachten plaatsgenomen. +Dáár, geheel in 't zwart gekleed, zaten wenend neergeknield op de +eerste rij stoelen, moeder Massijn en Fietje, met aan hun zijde, als +een lid van de familie, de ook bitter huilende Eulalie uit <i>Het huis +van Commercie</i>. Dan waren het, langs de kant van de mannen, naast de +heren De Vreught, Spittael en Potvlieghe, die hun zwarte jas van de +plechtige omstandigheden aangetrokken hadden, nagenoeg al de +voornaamste ingezetenen van 't dorp, benevens een aantal boeren uit +'t omliggende; en, aan de overzijde van de middengang, langs de kant +van de vrouwen, mevrouw en mejuffrouw Spittael, mevrouw Potvlieghe +en mejuffrouw De Vreught, de twee juffrouwen Speleers en de vier +juffrouwen Van Vreckem, en zoveel anderen. Slechts de drie +juffrouwen Balcaen waren er niet te zien en hun afwezigheid verwekte +grote opspraak. Naderhand werd verteld, dat zij de plechtigheid niet +hadden willen bijwonen, om reden van de lelijke gesprekken, die de +blikslager Blink over de oorzaak van Massijns dood in het dorp +gehouden had.</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>XIII</h3> + + +<p>Drie maanden later, toen Massijn reeds lang, ver van verwanten en +vrienden in den vreemde begraven lag, en zelfs in zijn +geboortedorpje begon vergeten te worden, kwam op een morgen, met de +postwagen van Bavel, een lijvige koffer bij de weduwe Massijn aan. +Die koffer bevatte de kleren en andere voorwerpen die aan haar +overleden zoon toebehoord hadden. En bij die sprekende herinnering +aan de dode barstten moeder Massijn en Fietje weer in hete tranen +los. Eerst na de middag, toen hun grootste droefheid wat gestild +was, ging Fietje bij de timmerman een hamer en een beitel halen, en +braken zij de koffer open.</p> + +<p>Benevens de kleren van de overledene zat hij vol met een rommel van +allerlei ongelijksoortige voorwerpen. Er was een dikke bundel met +bruine touwen saamgebonden wapens, een aantal grote en kleine +koperen ringen; houten en leren, fijn gedreven schotels en bekers; +een armvol grof gevlochten, rijkgekleurde matten; een gesloten pak +met, als adres, op een van Fortunés visitekaartjes: 'voor mijn goede +vriend meester De Vreught', een tweede voor de 'goede vriend +mijnheer Potvlieghe'; een derde voor de 'goede vriend mijnheer +Spittael'.</p> + +<p>Moeder en Fietje legden die geschenken opzij en pakten voort de +kleren uit. Gescheurde en gevlekte hemden, kamizolen en kousen vol +gaten, zware, doorgesleten en scheefgelopen, rossig geworden +schoenen. En de mooie, blauwe uniformjas en de mooie pet waarmee hij +zo fier in Akspoele gepronkt had, waren insgelijks verknoeid, +bezoedeld en verkleurd; en de schone vergulde galons hingen half +ontnaaid van de mouwen, hun vroegere glans verdoft in kopergroene +tinten, en omgebogen en gewrongen, als rafels platgeslagen +zinkdraad. En uit dat alles walmde, met een licht wolkje stof, een +lafzoete, akelige lucht, die de twee vrouwen de adem benauwde, en +voortdurend nieuwe tranen in hun ogen deed opwellen.</p> + +<p>Zij zochten in de zakken en keerden die om, hopend er nog een woord, +een brief, het een of ander iets van hem te vinden, dat hun nog +enige opheldering over zijn zo schielijke, tragische dood zou geven. +Doch neen, zij vonden niets meer. Al wat zij nog ontdekten was, gans +op de bodem van de koffer, een kleine bruinlederen portefeuille.</p> + +<p>Fietje raapte die op en deed ze open. Zij bevatte enkele brieven uit +Akspoele, een tiental visitekaartjes en Congolese postzegels; en, +gans in het achterste tasje, een fotografie, met een klein, door een +draadje eraan vast gebonden lokje zwart kroeshaar.</p> + +<p>Verbaasd, de open portefeuille in de hand, bleef Fietje een ogenblik +roerloos, als begreep zij niet wat het was, die zonderlinge +voorwerpen aanstaren. De fotografie stelde voor een jonge negerin, +naakt tot aan de lendenen, de kort-krullende haren dichtgeplant, het +brons aangezicht blinkend, lachend met een strelende glimlach van +ogen en tanden. De haren leken sprekend op die van het lokje; +onderaan het portret, door Fortunés hand geschreven, stonden deze +woorden:</p> + +<p>MIJN LIEVE KHAMISSI</p> + +<p>—Moeder,... zeg, moeder, zie eens hier...</p> + +<p>Fietje, eensklaps kersrood geworden, stak, met iets als een zweem +van toorn en afkeer op 't gelaat, de portefeuille met de zonderlinge +voorwerpen naar haar moeder uit. De oude vrouw, met haar door tranen +verduisterde ogen, kon eerst niets onderscheiden, begreep niet wat +het zijn mocht. Doch plotseling was het of haar betraande aangezicht +versteende in een uitdrukking van schrik: zij slaakte een schorre +zucht, gaf Fietje, met een trillend:—in 't vuur! in 't vuur! die +lelijke dingen! de portefeuille terug, en zakte als vernield op een +stoel, het snikkend hoofd onder haar beide handen verborgen.</p> + +<p>Blink had dus niet gelasterd!... Fortuné had zich op zijn beurt +slecht gedragen in het vreemde land, en als slachter van zijn +losbandigheid was hij er gestorven! O! wie zou dat toch ooit van +hem hebben gedacht!</p> + + +<hr style='width: 45%;' /> + + +<h3>XIV</h3> + + +<p>En nu zijn die Congolese wapens en andere voorwerpen, die in de +kamers van meester De Vreught, Spittael of Potvlieghe aan de wanden +hangen, het enige dat nog in Akspoele aan de rampzalige Fortuné +Massijn herinnert. Op feest- en kermisdagen, wanneer die heren +vreemde gasten in hun woning ontvangen, leiden zij die telkens in +hun salon of werkkabinet; en, wijzend met trotse glimlach op de +aldaar pronkende trofeeën, zeggen zij tot hun bezoekers:</p> + +<p>—Dat alles komt uit de wilde gewesten van het mysterieuze Afrika; +dat alles werd ons van ginder opgezonden door een vriend die er +gestorven is.</p> + +<p>Dan spreken zij in onverschillige woorden een weinig over hem, en, +terugkomend in de eetzaal waar de lekkere maaltijd wacht, wrijven +zij zich genoeglijk de handen en wisselen zij glimlachend de +opmerking hoe veel beter het toch is in het oud gemoedelijk +Vlaanderen gezellig rond een welbediende dis te zitten, dan ginds zo +ver en zo heel alleen de Zwarte Kost te gaan eten.</p> + +<p><i>De Zwarte Kost</i>!... Deze benaming heeft fortuin gemaakt in Akspoele! +Massijn en zijn dwaasheid zijn vergeten, maar dat door hem +nagelaten woord is gebleven, en brengt er, telkens als het +uitgesproken wordt, een ondeugend glimlachje op de lippen.</p> + +<p>Slechts moeder Massijn en Fietje, die steeds eenzaam in hun huisje +wonen, lachen niet, als zij het horen. En Eulalie, die er maanden +lang een echte marteling mee uitstond, heeft het niet meer willen +horen: zij is ervoor gevlucht, zij heeft het dorp verlaten; zij +huwde anderhalf jaar na Fortunés dood, een slachter van Lovergem, +een dorp dat op meer dan drie uren afstand van Akspoele ligt.</p> + +<p>En vreemd mag het heten: sinds Massijn dood is gelooft niemand in +het dorp, behalve misschien de heren De Vreught, Spittael en +Potvlieghe, nog een enkel woord van al de wondere dingen die de +jongeling zo vaak over Congoland placht te vertellen; evenmin als +wat die handelsreizigersachtige explorateur Kinel er op een +zondagnamiddag in <i>Het huis van Commercie</i> kwam over uitkramen.</p> + +<p>Men hecht alleen nog geloof aan de onbeschaamde verzinsels van +blikslager Blink, die dadelijk klaar gezien heeft in Massijns geval, +en die nog wel eens, op zondagmiddagen, een gapende groep +dorpelingen rond zijn deur geschaard houdt, genietend van 't vermaak +ze te verbluffen door zijn snoeven, tot de graad somtijds zijn eigen +leugens te geloven.</p> + + + + + + + + + +<pre> + + + + + +End of the Project Gutenberg EBook of De Zwarte Kost, by Cyriel Buysse + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE ZWARTE KOST *** + +***** This file should be named 17525-h.htm or 17525-h.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + https://www.gutenberg.org/1/7/5/2/17525/ + +Produced by Johan Boelaert. + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +https://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at https://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at https://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit https://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including including checks, online payments and credit card +donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + https://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. + + +</pre> + +</body> +</html> |
