diff options
| author | Roger Frank <rfrank@pglaf.org> | 2025-10-15 04:50:23 -0700 |
|---|---|---|
| committer | Roger Frank <rfrank@pglaf.org> | 2025-10-15 04:50:23 -0700 |
| commit | 41e2f226e3fda3c728d9dd8a4f33ba1ec27b7b67 (patch) | |
| tree | 98359dc5b0949a36ee682c41a0eb1acf346761ab /17121-8.txt | |
Diffstat (limited to '17121-8.txt')
| -rw-r--r-- | 17121-8.txt | 31815 |
1 files changed, 31815 insertions, 0 deletions
diff --git a/17121-8.txt b/17121-8.txt new file mode 100644 index 0000000..e5eda73 --- /dev/null +++ b/17121-8.txt @@ -0,0 +1,31815 @@ +Project Gutenberg's De Aarde en haar Volken, Jaargang 1906, by Various + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: De Aarde en haar Volken, Jaargang 1906 + +Author: Various + +Release Date: November 21, 2005 [EBook #17121] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE AARDE EN HAAR VOLKEN *** + + + + +Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed +Proofreading Team at https://www.pgdp.net/ + + + + + + +DE AARDE EN HAAR VOLKEN + +1906. + + +HAARLEM, + +H. D. TJEENK WILLINK & ZOON. + + + + +Door Holland met pen en camera + +Naar het Fransch van + +_Lud. Georges Hamön_. [1] + + +Elk land heeft een eigen karakter, dat is onbetwistbaar. Holland nu +is, zoowel om den aard van zijn grondgebied als om de kleeding zijner +boeren, tegenwoordig het schilderachtigste land van Europa. + +Het is de moeite waard, zich op te maken om met eigen oogen te +aanschouwen die pijpjesrookers en kermisdansers, die langzame +schuiten en reusachtige bruggen, die zwaaiende molenarmen en kalme +overpeinzingen van rustige burgers over hun glas bier, die boerin +met breede heupen, de producten der eigen boerderij naar de stad +brengend, die spannen van trekhonden, die eeuwige kanalen, bevolkt +met eenden, die nette dorpen en aardige huisjes, die zonderlinge +visschers, grillige luchten, moerassige vlakten. Men kan dan op zijn +gemak, zonder de oogen dicht te doen, vóór zich zien verschijnen +de landschappen door Ruysdael's penseel op het doek gebracht, en de +tronies der bierdrinkers die Teniers teekende. + +Naar Holland gaan beteekent trouwens zooveel niet.... Men stapt +'s morgens aan 't Noorderstation in een exprestrein, en 's avonds +zit men kalmpjes in een "koffiehuis" te midden van de diepe rust der +weiden en de tonen van een klokkenspel. + +Als men in één adem België is doorgespoord, wat niet moeilijk is +met het oog op de kleinheid van het land, komt men te Roozendaal, +het grensstation, waar het gebruikelijk is, zijn krachten eenigszins +te herstellen. Daarna stapt men in een langzamen trein, die er +saai uitziet en op weg is naar Zeeland, het land der eilanden met +zonderlinge namen, doorsneden door vaarten, kanalen, rivieren, +slooten en booten, en bevolkt door vrouwen met bloote armen. + +Maar men houde wel voor oogen, dat Holland een wanhopig vlakke en +eentonige streek is, dat het geen heftige aandoeningen wekt, noch +tot opgewonden geestdrift stemt of stille innerlijke verrukking +teweegbrengt. Holland is het land der rust, waar men zich dompelt in +het kalmste welbehagen. + + +I + +Een hollandsche stad.--Middelburg.--De wolken.--De +"boerinnen".--Het huis.--De brugwachter.--De markt.--Een hollandsch +dorp.--Zoutelande.--Goede herbergiers.--Typische avond.--De klompjes +der kleine kinderen.--De kermis.--De vroomheid van den Hollander. + + +Na veel eentonige moerassen te zijn voorbijgegaan en vochtige +landerijen; na bruggen te zijn overgereden, stopt de langzame trein +te Goes en daarna te Middelburg, de hoofdstad van het eiland Walcheren. + +Het was grijs, donker weêr op den morgen van mijn aankomst. In Holland +vinden de wolken geen klokkentorens om ze tegen te houden, noch boomen +of heuvels, en dus komen ze van alle kanten aandrijven, wit en rose +en zwart, bruin, oranje of rood, al naar den tijd van den dag, en +door den wind voortgestuwd. Zij lossen zich op in zware regenbuien of +vluchten in compacte massa's heen, trachtend zich hier of daar vast +te zetten; maar de molens, die steeds maar blijven zwenken en draaien, +schijnen ze uit te lachen, net als de baders, die in het water duiken, +als men ze roept. + +O, hollandsche wolken, wat hebt ge mij een last bezorgd!... Moet ik +er boos om blijven?... Ik weet het niet, want gij ziet er toch niet +kwaad uit, en Holland zonder wolken zou een afschuwelijke woestijn +zijn; daarom hebben de wolken en het water samen vriendschap gesloten +ten bate van het landschap. + +Het was dan grijs en leelijk weêr, toen ik in Middelburg uitstapte. + +Middelburg, hoort ge wel? is een echt type van een hollandsche stad, +half en half grootsteedsch en half en half boersch. Naast Goes en +Wemeldinge is het de interessantste plaats, waar ik geweest ben. + +Het was morgen. Overal ontmoette ik groenteboeren en groenteboerinnen, +sommigen in lage wagentjes, getrokken door kleine, harige paardjes, +anderen, bezig karren voort te duwen, hoog opgestapeld vol met groente, +boter, eieren of melk. + +_Trip, trap, trip, trap...._ Dat stapte maar voort zonder +haast. Niemand heeft ooit haast in Holland. Het paard, in een zacht +drafje gebracht, stond dadelijk stil, als 't noodig was. + +Boerinnen, jonge meisjes nog, goed gekleed in haar nauwsluitende +jakjes, met dikke heupen door de zware rokken, liepen waggelend +met een juk op de schouders en boden aan de klanten melk en boter +aan in blauwe of groene emmers met deksels, alles van de uiterste +zindelijkheid getuigend. + +Het type is niet bijzonder mooi, ik bedoel, niet erg fijn; maar +schoonheid is een zaak, die moeilijk uit te maken is, en tot veel +verschil van meening aanleiding geeft. Ziet men niet dagelijks de +menschen bewonderend stilstaan voor de schilderijen van Rubens, +alles vleesch, want men weet, dat hij bijna niet anders dan dikke +Vlamingen op zijn doeken bracht. + +Deze jonge dames kennen in 't geheel geen beschroomdheid. Meer dan +eene, die op mij afkwam met de handen in de zij en met de schouders +schokkend in een droge beweging van onverschilligheid, stond stil, +als ik haar aankeek, ging met een coquet airtje vóór mij staan en gaf +mij door teekens te verstaan, dat een geldstukje haar niet onwelkom +zou wezen. Als ik beproefde haar onverwacht te kieken, stiet zij een +kreet, van toorn uit en keerde mij met ostentatie den rug toe. Op +andere plaatsen, bij voorbeeld op Marken, wordt die belasting van +den vreemdeling bijna als een recht geheven; een belachelijk misbruik. + +Middelburg!... Zeer net stadje, met straten die alle aan elkaâr gelijk +zijn. Rondom kanalen en, boven de daken uitstekend, twee of drie +groote molens. Enkele oude monumenten, geheel in stijl. Zangerige +klokken spelen de uren en laten hun tonen plotseling druppelen in +de doffe stilte der bijna verlaten wegen en straten, waar men weinig +winkels ziet. + +Er wordt in Holland niet veel gewandeld, en aan flaneeren wordt in +het geheel niet gedaan. Men leeft te huis opgesloten in zijn dicht +en keurig, goed onderhouden vroolijk woonhuis. Geen huurhuizen van +vijf, zes of tien verdiepingen. Elk gezin heeft zijn thuis, zijn +eigen woning, waar alleen bekenden binnentreden, van wie men zeker is. + +Maar wat houdt men dan ook veel van dat "home", hoe graag versiert +men het en tooit het op, wascht het, verft het en boent erop naar +hartelust! Zulk een pijnlijke bezorgdheid doet het oog goed, want +men gevoelt, dat zij één is met de plaatselijke zeden en gebruiken. + +De straten, geplaveid met baksteenen, vertoonen geen enkele +onreinheid. De vensters, van zonneblinden voorzien, zijn niet +gestoffeerd met nieuwsgierige gezichten, die op den voorbijganger +neerzien met ingenomenheid of afkeuring. Men ziet geen vrouwtjes bij +de deuren staan praten of gewichtige samensprekingen houden op drukke +kruispunten van wegen. Zelfs de kinderen zijn maar juist even druk +genoeg, om te bewijzen, dat de stad niet door spoken wordt bewoond. + +Alleen de spionnetjes kijken u aan, spiegels, die van buiten aan de +vensters zijn bevestigd en waarin de vrouw des huizes, gemakkelijk +achter haar _horrikje_ gezeten, dat is een groen scherm in den vorm +van een klaverblad, uren aaneen gadeslaat wat er voorbijgaat, juist +als visschen doen in het water van een goudvischkom. + +O, die vriendelijke doodschheid der hollandsche woningen op een +grijzen achtermiddag in September! + +Met mijn camera in de hand, ben ik de kleinste straatjes doorgegaan, +overal met mijn onbescheidenheid binnendringend, waar ik er maar kans +toe zag. Ik dwaalde langs de plechtige kaden, waar het rood der daken +zich voegde bij het bruin van 't vele hout, dat in het water dreef en +bij het rossige waas der boomen, dat den herfst verkondigde. Ik liep +langs de oevers van het groote kanaal; jonge meisjes wisselden er +teekens met de melkboeren aan den overkant, omlijst door den vlakken +horizon, waarin een molen draaide. + +Ik kende spoedig tot in de kleinste bijzonderheden den korten doolhof +van wegjes en straten, die alle zonder onderscheid naar het hoofdplein +leiden, waar 't stadhuis te vinden is met al zijn beeldhouwwerk, waar +de weekmarkt wordt gehouden en waar de tram van Vlissingen stopt, +de zeehaven, waar stoombooten van allerlei naties binnenvallen. + +De voorstad, die erheen leidt, brengt u aan een brug. Die brug gaat +in het midden omhoog als een dubbel luik, om de schepen met masten +door te laten. De bewerking duurt een goed kwartier, gedurende welken +tijd de weinige personen, die over de brug wenschen te gaan, in 't +minst geen blijk geven van verveling. De brugwachter leunt, als een +mandataris in het volle besef van zijn verantwoordelijkheid, tegen de +leuning; hij zwijgt en wacht op wat de schipper zal verkiezen te doen, +die zijn schuit met de plechtige langzaamheid van een voorvaderlijke +schildpad doet voortschuiven. + +Die brugwachter was inderdaad op zichzelf een echt hollandsch +poëem. Rossig in de rossige omgeving, stond hij daar met zijn pijpje +tusschen de lippen geschroefd; een kalme wijsbegeerte straalde van +hem af: de philosofie van de neutrale lichamen, bij tusschenpoozen +zich bewegend naar een onduidelijk aangewezen doel. In hem herleefden +de gestorven geslachten der Nederlanders met de afgemeten gebaren, +die zwegen en droomden en eeuwen van geduld stelden tegenover de +koppige aanvallen van de verraderlijke zee. + +Dit is wel echt het karakter van den Hollander. Omringd door het water, +vechtend tegen het water, gevoed door het water, heeft hij de zachte +zwaarte van het water zich eigen gemaakt, dat geluidloos nadert en +onder zijn kleurrijke oppervlakte vreemde werelden verbergt. + +Met zijn glad rond gezicht, zijn naar de mode van Lodewijk XI geknipte +haren, zijn dikke handen en zijn beenen in een wijde broek, lacht de +Hollander zelden of nooit, schreeuwt nimmer, vecht niet met woorden +en schijnt in zijn ernstigen blik een wereld van gedachten of van +nevelachtig gepeins te weerspiegelen. + +Rossig in de rossige omgeving, rookte de symbolische brugwachter +zijn pijpje, onbekommerd om de overdenkingen, waarin zijn beeld mij +dompelde. Toen het schip voorbij was, draaide hij een ijzeren kruk om, +en de toegang was weer open. + +Dit hoekje van de stad was nog stiller dan het overige. Een peinzende +moeder liep er met haar kleinen jongen, die in een doek gewikkeld was, +en geen ander levend wezen was er te zien, geen geluid te hooren dan +het geklepper van den nabijzijnden molen. + +De volgende dag was een Donderdag, marktdag te Middelburg. De zon +weigerde mij niet alles op mijn smeekingen en tintte rose de jagende +wolken, die uit den Oceaan gekomen waren. Ik ontbeet vlug met eieren en +ham, verkwikte mij met thee en bereikte de Groote Markt, het tooneel +van den handel. + +Drie of vier verplaatsbare winkels, een stroom van boeren en boerinnen +en wagens met witte kappen bewees, dat er wel lust was om zaken te +doen; maar ik zocht overal tevergeefs naar de menigte, die er moet +wezen om aan den straathandel levendigheid te schenken. + +In Zeeland is er om zoo te spreken noch landbouw noch industrie. Bij +gevolg kan men er niet uitstallen, als bij ons, die hoopen groenten, +eieren, vruchten of bloemen, waar omheen de huisvrouwen zich +verdringen. + +In Zeeland produceert de boer niet veel anders dan melk, boter, +beetwortels en aardappels. De melk en de boter worden bij de klanten +thuis gebracht door de boerinnen, zooals wij reeds hebben gezegd. De +beetwortels gaan per schip naar de fabrieken. + +Te spreken van een "markt" voor die wekelijksche bijeenkomst die ik +bijwoonde en die nog voortdurend blijft bestaan, zou eigenlijk minder +geschikt zijn. Onder voorwendsel een paar kilogrammetjes boter te +verkoopen, komen de brave luidjes in de stad hun wekelijksch uitstapje +maken, om er kennissen te ontmoeten, enkele inkoopen te doen, pijpjes +te rooken vóór het stadhuis en met de handen in de zakken te droomen +in een herberg, waar een biljard staat, zittend achter een groot glas +bier en luisterend naar het droge geluid der ballen, door zwijgende +spelers bewogen. + +Welk een kalmte! Dit volk, met meel en vet gevoed, heeft geen +zenuwen. Breed, zwaar, gezet zonder dik te zijn, herinneren die mannen, +die geen begrip van gebrek en ellende hebben aan chineesche bonzen, +in rieten stoelen gezeten, die langzaam onder hun bolle oogen hun +duimen draaien boven hun buik in stille overpeinzing, zonder op den +voortgang van den tijd te letten. + +De mannen voegen zich te zamen op een hoek van de markt, om elkander +hun indrukken mee te deelen over den stand van beesten of beetwortelen +en over de gezondheid van hun kinderen. Op enkele vierkante meters +staan daar een heele menigte typen, die van vreugde kunnen doen +beven de afstammelingen van Teniers, Ostade en Potter, al die goede, +overleden schilders. + +Groepen oude boeren met korte broeken, gebloemde kousen en hooge +ketelhoeden, wier kaalgeschoren gelaat door losse haarvlokken omgeven +is, voeren den geest naar voorbijgegane eeuwen. + +Die oudjes zien er voor 't meerendeel gezond, maar zeer mager uit, +in tegenstelling met de dikke jongelui en aantoonend, dat juist zij +het oudst worden, die wat droog van spieren zijn. + +Uit die algemeene zwaarwichtigheid moet niet worden afgeleid, +dat de intellectueele vermogens beperkt zijn. De Hollander is goed +onderwezen; hij leest wel niet veel, maar onthoudt, wat hij leest. Zijn +goedaardigheid en stugge, massieve manieren zijn dikwijls slechts iets +uiterlijks; men zou, eer men er te vast op bouwde, den onmerkbaren +glimlach moeten kunnen verklaren, die soms rimpels om de ronde, blauwe +oogen doet verschijnen en om de zachte, ongerimpelde monden. Hij heeft, +wat men noemt, den moed om tegen de dingen in te gaan, voortkomend uit +gezond verstand en uit berekening. De eeuwenlange strijd, ondernomen +tegen de zee en de vernielende rivieren, heeft hem groote volharding +geschonken en een onbegrensd geduld, een echte kracht van inertie. Hij +is werkzaam, maar die activiteit is niet onstuimig en wordt aan den +dag gelegd in stillen, geregelden, volhardenden arbeid. + +Spaarzaam is hij ook, en in dagen van overvloed blijft hij zuinig; +grootheid en ijdelheid toont hij alleen bij groote gelegenheden, +openbare inschrijvingen, bruiloften of kermissen. + +Als een hollandsche boer zijn dochter uithuwelijkt, geeft hij een +gastmaal van stavast. Oudtijds waren de feesten bij bruiloften +zoo algemeen in de zeden doorgedrongen, dat een wet tusschenbeide +moest komen, om te bepalen hoeveel violen er mochten zijn, hoe groot +de waarde der geschenken mocht wezen, en wat de prijs per couvert +moest zijn. + +Bij tweeën en drieën staan de melkboeren te praten over allerlei +kleinigheden, op neutralen toon gezegd, terwijl de rook der sigaren +hun oogen in een zilverachtig schijnsel hult, of wel, ze gaan met +langzame schreden naar de herberg en zetten hun vertrouwelijk praatje +voort op de banken langs den muur. + +De herbergzaal, of liever de biljardkamer, heeft veel overeenkomst +met onze herbergen en café's. Al de ruimte wordt ingenomen door het +enorme biljard met zakken aan de vier hoeken. Verder staat er een +ronde tafel met een gestreept kleed er over, en alles, wat er noodig +is, om te schrijven; stoelen, netjes in rijen geschaard, voltooien +het eenvoudig ameublement voor de wijze klanten. + +Men zou, als men daar binnentreedt, kunnen meenen, dat men in het huis +van een particulier is, die u vriendschappelijk, met de ellebogen op +de tafel geleund, een lekker glaasje zal aanbieden. + +Op het marktplein ziet men beslist alleen mannen. Waar gaan wel +de vrouwen heen? Ik krijg een drietal huisvrouwen in het oog, die +voortloopen met manden aan den arm, en ik volg ze. Zij brengen mij +weldra op een groote binnenplaats, omringd door een klooster, en in +het midden geeft een oude iep koele schaduw. + +Dit is het heiligdom der huisvrouwen. Zij staan er kalm en langzaam +en nauwkeurig zaken te doen in haar wijde rokken, groote boezelaars +en helder gekleurde doeken, de witte mutsen versierd met goud en +zilver. Enkele hebben hun manden neergezet op schragen, die ervoor +klaar staan, of op den grond naast de afgevallen bladeren en wachten +met eindeloos geduld, tot er een koopster opdaagt, om haar te ontlasten +van de vette koopwaar. Anderen staan stil, draaien wat heen en weer, +loopen rond en staan weer stil, zwijgend met onbeslisten blik en +dwalend oog, alsof ze er niet heel zeker van waren, dat zij den vasten +grond betreden. + +Verlangt u boter? + +Wij wenschen boter. + +Hebt u kaas? + +Wij hebben kaas; zie, hoe zacht ze is. + +Die vragen, die antwoorden, suizen zachtjes met het geluid van den +wind door de takken van den grooten boom, en enkele vrouwen vertellen +elkaâr kalm, op welke wijze zij het smakelijke product bereid hebben +met de melk van dien en dien dag, afkomstig van een bepaalde koe. + +Onbeduidend en bolbleek zouden die hollandsche dames zijn zonder +haar bijzondere kleeding, juist als die anderen in moderne toiletten, +die alle bekoorlijkheid missen. Met de eigenaardigheden van het land +passen zij op het archaïsche fond en blijven in haar rechte, statige +houding, alsof ze altijd en overal op doek vereeuwigd moesten worden. + +Haar bloote armen, hard geworden door den wind, dragen manden, die met +roode, blauwe of gele doeken toegedekt zijn, en daar het nog zomer is, +dragen zij hoeden op het hoofd in den vorm van omgekeerde bloempotten +met groote pompons versierd. + +Onder den olm met bruine takken komen haar gestreepte sjaals flink +uit, zooals zij zich buigen naar de geopende manden der boerinnen, +die mooi zijn als ze nog niet veel jaren tellen, zooals al wat jong +is, ondanks de stijve kleeding, die de buste in rechte hoeken omspant. + +Haar voeten, die niet weten wat haast is, drukken de steenen van het +oude plaveisel, en dat is het eenige geluid, dat men verneemt, gedempt +nog in de algemeene stilte.... De zeeuwsche vrouwen schijnen, zou men +zoo zeggen, aanhoudend kostbare geheimen met zich rond te dragen, die +zij enkel aan elkander kunnen openbaren achter een muur, beschilderd +met lichte en donkere strepen en achter de groene zonneblinden vóór +de vensters. Haar vochtige oogen weerspiegelen de groote weiden, waar +de jonge koeien grazen, die dikwijls worden gemolken; haar smalle +voorhoofden, stijf geknepen in het kanten omhulsel, zijn blijkbaar +nog onder den indruk van het liedje van 't melken, dat tweemaal per +dag wordt afgespeeld, dat liedje van de melk, die druppel na druppel +met bobbels in den emmer valt, en haar handen zetten nog de bewegingen +als van een harpspeelster voort, waarmee zij de blanke uiers streelen. + +Zouden ze zoo zacht zijn als dat voedend vocht?... Laat ons geen te +haastig oordeel vellen! In Zeeland, in Friesland en in Groningen zijn +er brunetten en blondines, rossigen en anderen met kastanjebruine +haren, en zoo de overdaad van zachte spijzen haar aderen heeft gevuld +met een flauw en waterachtig vocht, zij zullen zonder eenigen twijfel +in haar gevoelens niet verschillen van de andere dochteren Eva's. + +Dat zijn overdenkingen, waartoe de marktdag in Middelburg iemand +brengt. Zonderlinge markt voorwaar, waar men op de teenen loopt in +eeuwigdurend geflaneer. + +Een zeventigjarige, steunend op zijn kleinzoon, lacht mij vriendelijk +toe. Hij is het verleden, hij met zijn costuum van een vlaamsche +schilderij; het kind is het tegenwoordige, de toekomst met zijn +knellend petje en vierkant afgesneden buisje. Ik wenk en wijs op mijn +camera. De kleine wil den ouden heer wegtrekken van dat gevaar, dat +mijn instrument opraper van beelden wezen kon; maar de oude staat +stil en neemt een nobele houding aan als een groot heer, die wel +graag bewonderd wordt. + +Een hevige regenbui valt plotseling neer op markt en straten en +huizen met puntdaken; een uur lang klettert het en ruischt en spat +en drijft de kalme boeren in de herbergen; dan schijnt de zon weer, +en er worden toebereidselen gemaakt voor de thuisreis. + +De groote wagens in den vorm van schuiten, overdekt met witte huiven, +komen van alle kanten te voorschijn en staan in rijen geschaard. De +meisjes, blij dat ze eens uit zijn; de huisvrouwen, tevreden over +haar inkoopen en haar gezellig gebabbel; de boeren, voldaan over hun +marktwandeling en verzadigd van bier en jenever, allen stijgen in. + +_Tott werziens! ... Goedag!_ + +De paarden schudden met de ooren, tillen de slappe beenen op en +vertrekken, trip, trep, trip, trep, langzaam door de nauwe straten die +goed geplaveid zijn, met zoo min mogelijk gedruisch, naar de stallen. + +De stad, die een oogenblik druk en woelig is geweest, herneemt haar +gewone, slaperige kalmte. De zon daalt lager. De grachten schitteren +in veelkleurig licht. In de vallende schemering gaan booten voorbij, +stil met opgezette zeilen en een licht geklots van het water. De +donkere molens maken ter begeleiding van den zonsondergang stomme +teekens, voorbijgaand als de minuten. Achter de neergelaten gordijnen +der huizen verschijnen bleeke lichtschijnsels. Stilte, stilte, +stilte.... Middelburg, hoofdstad van Zeeland op het eiland Walcheren, +verdwijnt in den nacht ... + +Zoutelande, een dorp verloren achter de duinen, dichtbij de zee. Een +groote molen wijst de plaats aan. De avond valt. Langs de steenachtige +wegen, met slooten er naast, huilt de wind, kondigt den naderenden +vloed aan. Aan den voet der hooge bergen van zand een hoofdstraat, +schoon als de vestibule van een hôtel, met een bruin plaveisel en +lichte, geschilderde en gewasschen huizen. Een enkele herberg, waar +ik tegen de deur stoot. Rondom het biljard vier of vijf mannen met +korte broeken, die rustig spelen. De waard, een kleine grijsaard met +een rond, verheugd gezicht; de waardin, een groote veertigjarige met +verstandige oogen. Zij gaat vóór mij staan met de handen op de heupen +en begint in 't Hollandsch een lang gesprek. Ik glimlach en maak een +beweging van spijt. Met behulp van het woordenboek, dat ik uit mijn +tasch haal, geef ik haar te verstaan, dat ik een kamer noodig heb +en voedsel. + +Zij brengt een vinger aan het voorhoofd: "Begrepen!" en gaat +heen. Zij komt eenige oogenblikken later terug met haar dochter, +ook groot en forsch, en begint opnieuw een gesprek. Ik leg voor het +meisje mijn wensch bloot, en beide zijn het geheel eens, zeggende: +"Begrepen!" Helaas!... het meisje gaat den vader halen, die ja zegt +op alles, wat ik aanwijs, steeds maar lacht en met het hoofd knikt op +de manier van porseleinen poppetjes. Wanhopig doe ik mijn mond open, +steek er den voorvinger al kauwend in, en buig mij over een tafel +met de oogen dicht. + +Zij vouwen de handen, zijn verrukt en kijken elkander aan: "Wat is +die man toch gek en wat doet hij dwaas!" + +"Begrepen, begrepen," zeggen ze, en verwachten misschien, dat ik +nog meer door gebaren zal aanwijzen; maar ik zeg bij mij zelven, dat +ik hier toch geen Kaffers of Berbers vóór mij heb, en ik ga waardig +op een stoel zitten, de tong uitstekend als bewijs, dat ik wel zou +willen drinken. + +Er wordt mij melk gebracht. De schemering wordt zwaarder. In de hoop, +dat ze wel wat voor mij zullen braden, ga ik uit. De wind is hevig, +blaast door mijn haren, en ik zie niemand buiten. Ik beklim het duin; +men kan er niet staan. De zee schuimt tegen de palen, geplaatst langs +de dikke steenen, die het zand moeten tegenhouden. In de verte vecht +een antwerpsche stoomboot tegen den wind en schuin waait haar rookpluim +achter haar aan. + +Brr, wat is het koud! Ik ben wel genegen den lof der Zeeuwen te zingen +hier boven van mijn berg; maar de molen, die statig ronddraait ginds +aan 't eind van het dorp, schijnt mij uit te lachen met zijn groote, +zwaaiende armen. + +Ik ga terug naar de "Roode Leeuw, logement en koffiehuis." De +biljardspelers zijn weggegaan. De baas rookt zijn pijp bij 't fornuis, +terwijl zijn dochter aardappelen zit te schillen. + +De huisvrouw houdt mij haar vinger voor en wijst naar de deur van +een kamer. Ik geef gevolg aan die peremptoire uitnoodiging en vind +op een tafellaken een glas melk, twee eieren en kaas, bescheiden menu +van de kluizenaars uit Gallië in den tijd der barbaren. + +Mijn maag voelde hol en leêg na zoo'n middag van beweging, en ik vroeg +luidop om meer. Er was niet meer. De vrouw keek mij met ontzetting +aan en stelde een nieuwe speech samen, waarvan ik niets begreep. + +"Brood en melk, lief moeder", wees ik haar in het woordenboek, met +een gebiedende beweging. + +Begrepen! + +Helaas, ik kreeg dan ook niets anders dan brood met boter, besproeid +met bier en melk. + +Toen ik mijn razenden honger had gestild, voegde ik mij bij de familie +om 't fornuis, waar een ketel met water stond te koken. Het meisje +schilde nog altijd aardappelen, en de moeder, met het hoofd voorover, +krabde zich den hals, terwijl de vader, diep gedoken in een houten +leunstoel, kringetjes blies uit zijn groote pijp. + +O, hollandsche avond, daar in die dichte herberg, glimmend van +properheid, ik zie u nog! De geverfde hangklok scandeerde de minuten +met haar rooden slinger. De muren, behangen met porseleinen borden +met blauwe bloemen, gaven bij het schijnsel van de lamp een illusie, +alsof ze van marmer waren en een lichtende lijst vormden om de massieve +meubels van bruin mahoniehout. + +Pietje is een aardig boerinnetje, en de ouders ook zijn beste +luidjes. De taal der oogen, die rijk is aan uitdrukking, vervangt +in voldoende mate die der tongen, en wij vangen weldra elkanders +gedachten op, als we ons best doen er uitdrukking aan te geven. + +Die stilte en rust irriteeren echter na verloop van een uur mijn +zenuwen van levendigen Franschman. De oude is zoo tevreden, dat hij mij +ergert, en het gekrab van de moeder werkt aanstekelijk. Ik profiteer +van het oogenblik, waarop de dochter met haar werk klaar is en wijs +met een energieke beweging naar de zoldering. + +De moeder heft het hoofd op en glimlacht. Dat behoort tot haar +departement. Ze legt haar breiwerk neer en voert mij naar een ladder, +achter de keuken, steekt den vinger in de hoogte en reikt mij de +kaars aan onder het uitspreken van een ingewikkelde redevoering. + +"Goed, goed", zeg ik, "lief moeder, ik wensch u een goeden nacht, +u en uw ronden echtvriend en uw dochtertje en 't heele huis!" + +Ik klauter de ladder op en kom op een soort van zolder, waar de rijkdom +aan groente der familie ligt opgestapeld, rechts een hoop aardappelen, +links een pyramide van wortelen, vóór mij een berg uien, elders erwten +en boonen en gereedschap; tusschen twee balken eindelijk een alcoof +van ruwe planken en daarin een matras, twee lakens en een deken. + +Ik sla de armen over elkaâr, vol verontwaardiging ... maar ik bedenk, +dat in een dorpje verloren onder tegen de duinen van een afgelegen +eiland, men geen pretensies hebben moet, en ik volg Napoleon na, die, +uit vrees verrast te worden, zich geheel gekleed te slapen legde. + +De wind joeg over het dak, deed de pannen kletteren met krachtige +stooten; maar mij vastklampend aan de geruststellende gedachte, +dat hij eerst het dak moest kapot hebben, vóór hij mij kon bereiken, +sloot ik de oogen en viel in slaap.... + +'s Morgens stroomde een prachtige zonneschijn door het zolderraampje +en legde een stralenkrans om mijn hoofd. Ik haastte mij naar beneden +en naar buiten, waar ik tot mijn verbazing een abnormale drukte van +klompen hoorde. + +Dat geluid van het hout op de steenen riep in mijn herinnering Bretagne +op en de kadans van de klompen op de bestrating der oude stadjes. + +Maar dat is toch niet mogelijk, zei ik tot mijzelven, dat de jongens +van Guéméné en de meisjes van Fouessant de zee zijn overgestoken in +den nacht, om mij deze aubade te brengen? Misschien ook zijn het de +geesten der gestorvenen uit mijn land, die mij willen verrassen en +mij beletten, mij te laten naturalizeeren als Hollander. Ze hadden +anders in dat opzicht niet heel veel te vreezen.... + +Beneden aan de ladder lachten de vrouwen mij toe; de baas, weer in +zijn stoel gezeten, stiet een groote rookwolk uit en rolde met zijn +blauwe oogen.... De weg was eenvoudig vol met kleine kinderen, die +vóór schooltijd heen en weer drentelden. + +Verrassend, die kinderen! In andere landen maken huns gelijken een +diabolisch lawaai, schreeuwen, stampen, loopen elkaâr achterna, spelen +krijgertje, verstoppertje of springen touwtje.... Hier wandelen ze +maar. De jongens met de handen in de zakken, de pet op één oor, duwen +elkaâr zoo'n beetje weg. De meisjes, als groote menschen gekleed, +met wijde rokjes en groote doeken, dansen in 't rond, elkander bij de +hand houdend, of loopen hard bij 't klepperen van de wijde klompjes, +terwijl ze met de dunne, bloote armpjes zwaaien. + +Dit was een frisch, opwekkend gezicht. Een heldere Septemberzon, een +straat, zoo schoon en rein als 't schip van een kerk, roode, bruine of +witte huizen met roode daken, kleine meisjes, in het blauw gekleed, +in druk bewegen vol gratie; men kan er werkelijk spijt van hebben, +dat men niet met één penseelstreek al die kleuren op het doek kan +brengen, waaruit een tooneeltje van dezen aard bestaat. + +De kinderen werden mij gewaar en vlogen weg als opgeschrikte vogeltjes, +toen ik de beweging maakte van hen te willen photografeeren. Ik liep +ze achterna. Zij lachten, liepen achter muren om, verborgen zich, +kwamen weer voor den dag, en ik kon mij al gauw verbeelden een wolf +te zijn, die schaapjes achtervolgde. + +Klik, klak, daar had ik ze! Ik overviel hen in een schuilhoekje, waar +ze zich verbergden, en waar de meisjes de handen vouwden, als om genade +te smeeken, terwijl de jongens daarentegen mij brutaal trotseerden. + +Maar de kinderwereld met haar levendige kleuren liet mij in Zoutelande +weldra alleen en trad het schoollokaal binnen. + +Ik deed een omgang door het dorp. Geen levend wezen te zien. Overal +dichte deuren. Geheimzinnig gesloten vensters. Stilte. Geen +waschplaats, waar men het kloppen op het linnen hoorde. Geen enkele +huisvrouw aan 't keuvelen met een burin of aan het werk op haar +plaatsje of in haar tuintje. Nu en dan treedt een vrouw naar buiten +met emmers water en een ontzaggelijken bezem. Zij wascht haar huis +van boven tot beneden af, plechtig en ernstig, en met een ladder klimt +ze tot het dak, om de pannen af te vegen, en doet dan haar deur weer +dicht, waarachter men zich haar denkt, altijd wasschend, boenend, +vegend, poetsend en opsierend. + +Er is veel gesproken over de hollandsche zindelijkheid. Die is geen +mythe. Dit volk heeft den trots der properheid. Te midden van water +levend, onder een regenrijken hemel, door wind geteisterd, gebruikt +het wind en regen, om vuil en stof weg te waaien en weg te spoelen. + +Armoede schijnt in deze streken onbekend; zoo zij bestaat, is ze +zoo zindelijk, dat men haar niet herkent. Elke familie behoudt van +geslacht tot geslacht de zware, massieve meubels, waaromheen een +ongeschokt en rustig leven wordt geleid. + +Het omringende water, de gedwongen beperktheid van de wegen te land, +het ontbreken van landbouw en industrie hebben tot die zeden en +gebruiken aanleiding gegeven. En Holland is een land van burgers, +van schippers en makelaars, maatschappelijke kringen, waar men aan +comfort is gewend. + +De kleinste boer overbluft u nog met zijn kleeding, zijn porselein en +zijn blinkend huisraad. Hij maakt den indruk van iemand, die zeker is +van zichzelven, van zijn verleden, zijn heden en zijn toekomst, in +'t minst niet verontrust door een progressieve belasting, dreigende +politiek of ongemotiveerde zenuwachtigheid. + +Van nature is de Hollander teruggetrokken en stil; uit gewoonte hecht +hij zich aan zijn werk, zijn zaken en het familieleven. + +Hij is godsdienstig, maar zonder in uitersten te vervallen. Het +hervormde geloof, dat hij aanhangt, lokt niet uit tot vroomheidsvertoon +en staat geen weelde toe in beeldjes of heilige voorstellingen, +zooals men wel in andere landen ziet. + +De kerken hebben enkel kale of gewitte muren. Men gaat er des Zondags +heen, om naar de preek te luisteren. Geen bevallige feesten of +symbolieke dagen of herinneringsplechtigheden. Men gaat naar de kerk, +omdat het nu eenmaal zoo behoort, en omdat men doen moet, wat volgens +de traditie altijd gedaan is. + +De Bijbel is een nationaal monument, dat de hervorming op één lijn +stelt met de vaderlandsliefde, een gevoel, dat diep geworteld is in +'t hart der Nederlanders, en toen Lodewijk XIV, na Utrecht te hebben +vermeesterd, op de groote markt alle exemplaren liet verbranden, die +men ervan kon vinden, zou hij zonder grootspraak zich hebben kunnen +beroemen, het intellectueele Holland van dien tijd aan de vlammen +te hebben overgeleverd. De vrijheid van geweten wordt echter overal +geëerbiedigd en dat wel sinds onheugelijke tijden. De godsdienstige +secten zijn ontelbaar, en alle leven in de beste verstandhouding +met elkander. Katholieken, protestanten, joden, muzelmannen, allen +genieten precies dezelfde rechten en prerogatieven. + +Men is er streng van zeden. Nooit hoort men van misdaden of avonturen, +waarbij de liefde in het spel is. De jonge man, die zijn oog laat +vallen op een jong meisje, doet zijn best om het tot een huwelijk +te brengen, als ten minste het onderling belang erbij gebaat wordt; +alles blijft kalm in de polders, ook de gevoelens. + +Die ingetogenheid verdwijnt één keer in het jaar en wordt tot een +deelneming aan woeste gelagen; dat is bij gelegenheid der kermissen. + +Gedurende de dagen, gewijd aan deze nationale feesten, brengt de +boer naar buiten alles, wat hij in gewone tijden moet binnenhouden en +onderdrukken, namelijk de leelijke zijden van zijn natuur; hij danst +als een schuit op hooge zee, rookt als een antwerpsche stoomboot +en drinkt als den Helder op de dagen van overstrooming. Drie +dagen en drie nachten lang verlaat hij, meer bepaald in sommige +steden, het koffiehuis niet. Op de tafels en den grond uitgestrekt, +verbijsterd door de muziek en ongevoelig geworden door den drank, +blijkt hij een ander wezen geworden met buitensporige gebaren en +luid klinkende woorden, en men zou niet weten, waar men hem bij moest +vergelijken, als het niet bij Bacchus zelf was op zijn dagen van groote +uitbundigheid. De schilderijen van Rubens in het Louvre, zoo cru in +hun realisme, kunnen nog als symbolen dienen, indien een schets vol +echte waarneming symbool kan zijn voor een veeleischend geslacht. + +Het bacchanaal,--dat moet erkend--verschilt naar gelang van de +provincies en krijgt meer en meer neiging, tot een familiefeest +te worden, 't geen dan weer op verlies van schilderachtigheid te +staan komt. + +De kermissen hebben voor de jongelieden bijzonder groote beteekenis, +omdat ze voor hen zeer zeldzaam voorkomende gelegenheid zijn, +zich vrij te bewegen, uit te gaan. In dit moerassige land, waar van +eigenlijke velden en buiten zijn geen sprake is, kan men niet, als +bij ons, des Zondags gaan wandelen langs schaduwrijke wegen tusschen +bloeiende weiden. + +Van tijd tot tijd gaat men wel eens per boot naar Rotterdam of +Zierikzee, maar die uitstapjes halen niet bij een kermisdag in de +hoofdstad der provincie. Daar gevoelt men zich te huis; men kan er +op zijn gemak okshoofden zwart bier verzwelgen en wafels verorberen, +uien eten en komkommers of geconfijte citroenen in azijn, gekruid +met harde eieren.... + +Wat de huwbare dochters aangaat, zij nemen ijverig deel aan de +kermis. Lang van te voren zorgen zij voor de mooie mutsen met de ronde +vleugels, die haar oogen zoo goed doen uitkomen, voor den bloedkoralen +collier, het blauw fluweelen dasje, de gouden plaatjes op het voorhoofd +en de gouden stiften op zij, met al die kleine extraatjes, waardoor +de jongens worden bekoord. + +Die kostbare sieraden zijn de trots van de boerin. De droom van ieder +is, ze prachtig te kunnen vertoonen, van echt goud, opdat de wind ze +even kan bewegen en ze kan doen ruischen als de vleugels van een libel. + +Te Zoutelande wordt verteld, dat een zeer mooi, maar ongelukkig +boerinnetje, dat door de gierigheid van haar vader geen sieraden +bezat, een heftig verlangen voelde om op dit punt de gelijke te +zijn van haar kermisvriendinnen, opdat zij evenals deze gevraagd zou +worden te dansen, te lachen en poffertjes te eten door de jongelui, +die de armoede minachten. + +Toen zij naar de markt van Middelburg ging, om de melk en de boter +van de boerderij te verkoopen, overpeinsde ze die lastige quaestie +en was diep bedroefd, zoo geminacht te zijn, hoewel ze er aardig +genoeg uitzag. + +"Ik wil schitteren", dacht ze, "want ik ben mooier dan de anderen". + +Onder het voortloopen, in haar gesloten jakje met het bruine juk +op de schouders, keek ze mistroostig naar het water in de slooten, +dat de zon weerspiegelde, en zei tot zichzelve, dat, zoo dit water +melk was, zij dadelijk genoeg zou hebben, om de mooiste sieraden te +koopen van de goud- en zilversmeden in Schoonhoven. + +Toen begon ze te lachen, stond stil, nam van haar geverfde emmers +het deksel af, zag, dat ze niet vol waren, deed er een weinig bij van +'t water, dat in vele tinten straalde, en zette haar weg voort. + +In plaats van acht liters melk te verkoopen, verkocht ze er elken +dag twaalf en verborg in een laadje de opbrengst van haar list. + +Het ging zoo goed, dat ze weldra een aardig spaarpotje had en de zoo +begeerde sieraden kon koopen. Zij was uitgelaten blij en kon niet +laten, toen ze uit de stad terugkwam, tegen haar slapen de mooie +sprieten te hechten en in het water te kijken als in een spiegel. + +Helaas, toen zij zich bukte, om haar gelaat te zien, raakten de +krullen, die niet goed vastzaten, los en vielen in het stroomende +water. + +Reneetje, op het gras gezeten, vervuld van spijt en boosheid +en teleurstelling, schreide heete tranen, tot de wind haar deze +verstandige woorden in het oor fluisterde: + +"Wat uit het water komt, moet tot het water terugkeeren." + +Er wordt niet bij verteld, of het jonge meisje den troost aanvaardde. + + +II + +Ontmoeting op straat.--De mooie ruiter.--Teleurstellend +déjeûner.--Vader Kick. + + +Zoodra ze getrouwd is, na de uitbundige pret van de bruiloft, bergt de +boerin in de laden alle kleine sieraden en snuisterijen, waar zij zoo +op gesteld was als jong meisje. Het gebruik wil namelijk, dat zij er +ernstig ga uitzien, juist als de vrouwen, die geen veroveringen meer +willen maken, omdat ze een levensgezel hebben gevonden. Ze bewaren +alles voor haar dochters, als die op haar beurt, bij de eeuwige +herhaling der verschijnselen, een boer aan den haak moeten slaan. + +Maar kom ... ik loop te lang in Zoutelande rond, luisterend naar den +wind, die mij deze vroolijke dingen vertelt tusschen twee duwen tegen +de wieken van den grooten molen. + +Een melkboer, in zijn kar als een schuit, met een groot harig paard +er voor, gaat naar het veld, en zijn wagen verbreekt de stilte. + +Elders ontmoet ik even buiten het dorp een miniem klein paartje, +jongetje en meisje. Zij, zeer moederlijk en grappig, beknort den +kleinen jongen met een basstemmetje en wil hem terughouden van +den weg naar Westkapelle, waar de overmoedige Willem zich heen wil +begeven. Zij trekt hem uit alle macht bij een slip van zijn jasje, +en men herkent in haar reeds het toekomstige vrouwtje, dat haar man +afhoudt van verkeerde wegen ... beminnelijke zorg! + +Een doffe galop ... Wat is dat?... Een man met blauwe oogen in een +verheugd gezicht, komt van het land terug met zijn twee paarden, +zijn vrouw en zijn meiden. Hij groet en springt op den grond, +al verblijder kijkend, wijst op zijn beesten, die er goed uitzien, +dan op mijn instrument, legt een hand op zijn borst en de andere in +de neusgaten van zijn eene paard en geeft te verstaan, dat het beeld +merkwaardig mooi moet worden. + +Met een glimlach stap ik drie passen achteruit, twee naar rechts, één +naar links, mompel een goedkeuring en open het klepje van mijn camera. + +"_Atsjoem!_" proest het paard nommer 1. + +De ruiter, nu bepaald ten toppunt van voldaanheid, deelt mij zijn +indrukken mee, helaas, zijn ze voor mij onbegrijpelijk en gaat dan +weg met een beweging, die schijnt te zeggen: "Tot strakjes, wacht +hier op mij!" + +Nieuwsgierig kijk ik eens naar de kerk, die er kaal en somber uitziet, +naar het groene veldje, waar de dooden worden begraven zonder eenige +versiering of grafteeken, want wat van de aarde komt, moet tot de aarde +terugkeeren zonder meer; heel de hollandsche philosofie ligt in dien +zin. Ik denk er juist over, het duin te gaan bestijgen, toen opnieuw +een drievoudige galop zich doet hooren. Ik bespeur mijn verheugden +ruiter, die met drie nieuwe paarden komt aanhollen. Hij zegt iets +en stijgt van het paard. Hij gaat bij het eene staan en verklaart, +dat ik nu met mijn werk kan voortgaan. + +"Je maakt misbruik, vriend!" antwoord ik in het Fransch. + +En om er van af te zijn, draai ik zijn hoofd om en doe alsof ik hem +kiek. Tot driemaal toe, met elk der drie paarden, herhaalde ik het +grapje; toen kreeg ik een adres, met potlood geschreven, en tegelijk +een betuiging van de grootste ingenomenheid. + +_Tot werziens, tot, tot...._ + +Ik beklom het duin. De kinderen, uit school gekomen, toffelden in koor +op hun klompjes, klots, klots, klots.... Ik moest hen tot mij zien +te lokken door iets ongebruikelijks. Met mijn pet zwaaiend, begon ik +hard te loopen en daarbij heftig met de armen te zwaaien, het gezicht +naar de zee gekeerd, alsof ik daar iets heel bijzonders zag. + +Die buitensporigheid wekte de nieuwsgierigheid. Langs alle voetpaadjes +kwamen de kinderen aanloopen; ze trokken elkander mee en kogelden in +het zand. Ik liep naar het strand tot aan den rand der golven. Zij +volgden mij. Daar nam ik plotseling een handvol centen uit mijn +zak. Zij stortten naar voren. Ik raapte wat gevallen was weer op. Een +deel van de kleinen vluchtte verschrikt weg; de rest, allen meisjes, +bleef om mij heen staan en stak de magere bloote armpjes uit. + +"Hoepla!" riep ik; "dans eens voor mij!" + +De een hief een liedje aan, en daar begonnen ze te dansen, blauw en +rose geteekend tegen den grijzen hemel vóór dien blauwgroenen horizon, +één en al frischheid in den koelen morgen. + +Na vijf minuten werkens, gingen de kleinen om mij heen staan, en ik +legde in de roode kinderhandjes de verwachte geldstukken. Toen vlogen +ze weg als kwikstaarten en herinnerden mij tevens, dat het tijd was +voor het lunch. + +Op het duin kwam de waardin uit de herberg mij zoeken. Met de handen +in de zij begon ze een lang gesprek en liet mij daarbij haar mond +en haar tanden, bijna haar maag zien. Ik ging met haar naar het +kleine kamertje met de blauwe, gebloemde borden aan den wand, waar +een hagelwit tafellaken een reeks van schaaltjes van wit porselein +droeg met deksels. Het zag er uitlokkend uit. De waard blies in alle +vriendelijkheid weer veel tabaksrook uit en bracht mij een glas bier. + +Plechtig nam ik met de beste verwachtingen het deksel van het eerste +schaaltje, een taai stuk biefstuk dreef in de margarine.... Ik +ontdekte het tweede: roodbruine worteltjes.... Ik ontdekte het derde: +gekookte aardappels.... Ik deed het vierde open: gehakte kool, die +naar heliotroop rook.... + +De waardin lachte een goddelijk lachje, vol trots. + +In verslagenheid proefde ik het vleesch en verslond het in stilte, +met ruime bijvoeging van bier, melk, eieren en boterhammen.... O, +hollandsche keuken! Wat hebt gij mij een last gegeven! Gij vindt +nergens uws gelijke, dunkt mij, of het moest zijn in de spaansche +pablas, de duitsche ham of de arabische koeskoes. + +Toen ik een sigaar aanstak, om het leed over het treurig onthaal wat +te verzachten, trad er een der oude mannen binnen. Hij zag er nog +ouder uit dan alle ouden, die ik reeds had gezien. Hij ging dicht +bij het buffet zitten, liet zich een groot glas jenever geven en +ging tegenover den rustigen baas een dutje doen, afgebroken door een +paar zachte woorden. Ik had voor mijn oogen een doek van Teniers, +en ik genoot er ten volle van. Het in woorden weer te geven, is mij +onmogelijk. Geen woord zou de kalmte en rust kunnen schetsen van die +beide ouden, die al rookend hun glaasjes ledigden, en daar zaten in +hun houten leuningstoelen met rechte ruggen, alsof ze er nooit uit +zouden opstaan. Naast hen kookte de koperen ketel; door het groene +horretje vóór 't venster vloeide de zon binnen met vaag schijnsel, +dat weerkaatst werd door de borden aan den muur, en de klok, met +bedachtzame haast voortgaand, stiet met haar rooden slinger de minuten +over de hoofden van die heeren, die de kunst verstonden om het leven +te verlengen. + +Na een tijd, die lang of kort of middelmatig lang duurde, wat doet +het ertoe, dronk vader Kick zijn glas tot den bodem leêg, schudde de +asch van zijn sigaar en ging heen. Hij liep omhoog in de richting van +de zee langs een voetpad tusschen groene heggen, met den rug naar de +roode pannen van de daken. + +Wat zou hij daar gaan doen?... Niemand weet het denkelijk.... Op +de duinen keek hij naar den oceaan met de handen in zijn zakken en +een onverschillig gezicht. Toen ik bij hem kwam, wees hij mij een +stoomboot, welker rookpluim den horizon streepte en verzonk toen weer +in stom en diep gepeins. + +En hij, vader Kick, was mij aldus een symbool van de geslachten +van Nederlanders, die als vasthoudende eilandbewoners, van de zee +hun tegenwoordig land stalen, en van eeuw tot eeuw hun steenen en +houten borstweringen, hun enorme dijken en hun eindelooze pieren +vooruitschoven in de nevelige ruimte. + +In den blik, waarmee de oude vader Kick de bewegelijke eindeloosheid +peilde, scheen hij te zeggen: "Ik heb je, dochtertje, en mijn kinderen +zullen je houden!" + + +III + +Het hollandsche land.--Het water.--De molens.--De landbouw.--De +polders.--De dijken.--Oorsprong van Holland.--Een avond te +Veere.--Wemeldinge.--De vijf jonge meisjes.--Stomme flirt.--De dronken +man.--Het leven op het water. + + +Een deel van Nederland ligt, zooals bekend is, ver onder het niveau +van den zeespiegel en zelfs van de rivieren, hetgeen de werken van +allerlei aard verklaart, door de inboorlingen gebouwd om het water +tegen te houden, sommige schijnbaar van weinig beteekenis, maar +kolossale werken, als men ze nader onderzoekt. + +Voordat de Rijn geboren was, waren de Nederlanden een zee. Op een +goeden dag werd er in de Ardennen een bres geslagen door de meren, in +hun omtrek opgesloten; de bergen weken voor de overweldigende kracht +en hun wanden werden weggeslingerd tot op grooten afstand. De Rijn, +een nieuwe waterloop, teekende toen Nederland, zooals het hem behaagde, +met behulp van Maas en Schelde. + +Aanhoudend een massa alluviaal slib aanvoerend, deed hij stapje voor +stapje de zee terugwijken, tot deze haar revanche nam en toen werd +tegengehouden door een nieuw menschengeslacht. De Rijn, zwakker +geworden door de vele zijtakken, die hij uitzond, zou in het zand +gestikt zijn, als de genialiteit der menschen hem niet te hulp was +gekomen. + +De krachten van de zee en die van het stroomende water, de neiging der +rivieren, om hun mondingen te laten verzanden, de hevigheid der winden +en de overvloed van regen, van watertoevoer bij den voorjaarsdooi, +deden de drie rivieren zwellen en buiten haar oevers treden, waarbij +zij in het land veel moerassen achterlieten en meren, die drooggemaakt +moesten worden en daarna door dijken moesten worden omringd. + +De geschiedenis der overstroomingen in Holland is bijgevolg een +lange, treurige historie; zonder de Hollanders zou Holland er niet +zijn; zonder hun voortdurende waakzaamheid, zou het land weldra een +waterwoestijn wezen. + +Van Middelburg in Zeeland tot Amsterdam en Hoorn wordt het land, dat +eindeloos vlak is, door tallooze kanalen doorsneden, door bruggen, +slooten, moerassen en sponzige weiden, waar de beesten soms tot de +knieën inzakken. + +Men moet zich een reuzendambord voorstellen, in alle richtingen +doorsneden door waterwegen, waarin zich altijd wolken spiegelen en +kleurige huizen, dikwijls van hout opgetrokken, en molens en kudden. + +Smalle wegen, met steenen geplaveid, loopen langs de groote kanalen +en brengen steden en dorpen met elkander in gemeenschap. + +Weinig of geen landbouw. De veeteelt is voldoende en voedt den bewoner +met vette melk, met kaas en biefstuk. + +Het water heerscht alom, het overweldigende water, het water, dat +rijst of daalt met de maan, en dat, zoo ver het oog reikt, zijn zacht +vloeiend reuzennet uitbreidt, waar altijd-door de schepen en de booten +en de eenden gaan. + +De weide, van een wonderbaarlijk teeder groen, trekt bij den eersten +oogopslag de aandacht, breidt ver zich uit tot aan den grijzen horizon +en is bezaaid met pyramidevormige daken, met koeien en stieren van +onbegrensde en verbazende rustigheid, die de welriekende geuren +snuiven van de bloeiende grassen en hun tong laten strijken langs +het fluweel der zachte groenheid vóór hen. + +Het is eentonig, en die eentonigheid, verkwikkend voor het oog als +een licht gewasschen waterverfteekening, wekt indrukken van vredige +kalmte, welker afstraling men overal bespeurt, in de menschen zoowel +als in de dingen. + +Zenuwlijders en zij, wier bitter verdriet of wier heftige +gemoedsopstand hen in onrust brengen, moeten hier bij 't dwalen langs +die duizenden van rimpellooze spiegels, te midden van die eindelooze +natuurlijke tapijten, hun hart tot rust voelen komen. + +Ziehier een paar schetsen. Na een hevigen regen op den weg van +Monnikendam, een rood huis in een kring van kortdikke boomen; het +lint van den weg ligt vol plassen, heldere vlekken, waarin het blauw +van den hemel zich weerspiegelt. Andere huizen staan verderop; twee +molens draaien heftig met stooten, houden een seconde op, beginnen +weer, draaien, houden stil en draaien weer, de groote stilte brekend +met hun gevleugeld rhythme. + +O, die molens!... Hun aantal brengt een mensch van de wijs. Nooit +zou men kunnen gelooven, dat er zooveel zijn. Ze dienen voor alles, +voor het uitpersen van olierijke zaden, het braken van vlas, het +zagen van hout, het pompen van water. Het minste zuchtje wind, dat +over het land strijkt, moet voor de industrie zijn dienst bewijzen, +wordt even vastgehouden om de duizend wieken te helpen draaien, +die hun bewegelijke kruisen teekenen op de grijze lucht. + +Groote en kleine, ronde en vierkante, er zijn er van allerlei soort +en vorm en afmeting, van 't kleinste watermolentje, dat wanhopig en +woedend draait, tot den indrukwekkenden toren van den tolhuismolen, +begroeid met zachtgroen mos. + +Die molens hebben reden van bestaan. De dijken en de sluizen, die tegen +het buitenwater zijn gemaakt, tegen de zee en de rivieren, zouden +alleen niet voldoende zijn geweest, om Holland bewoonbaar te maken, +zoo het land niet de kunst verstaan had, zich van het binnenwater +te ontdoen, dat aangevoerd wordt door de regens, de hooge vloeden, +de bronnen en de afgraving van het veen. Bij gebrek aan machines, +ging men bij den wind om hulp, en men bevond er zich wel bij. + +In 1850 berekende men, dat 30.000 H.A. lands, met inbegrip van het +beroemde Haarlemmermeer, zoo van den Oceaan teruggewonnen en voor +den landbouw beschikbaar gesteld waren. + +De groote moeilijkheid bestond in de handhaving van het evenwicht +tusschen de bijzondere belangen van die polders en de algemeene +belangen van het afwateringssysteem, waaraan het land zijn bestaan +te danken heeft. De verdeeling van de watermassa's moet met oordeel +geschieden, of er kunnen de grootste rampen uit voortvloeien. Maar men +voorzag erin door het in 't leven roepen van scholen voor ingenieurs, +waar het kleine leger werd gevormd, dat in opdracht heeft, het +grondgebied te verdedigen tegen den eeuwenouden vijand. Als het +al niet zoo moeilijk is, een sluis te bouwen, een dijk te dichten, +een moeras droog te leggen, er is veel wetenschap en veel oplettende +waarneming noodig, om op de goede wijze de watermassa's af te voeren +en te verdeelen. + +Een ander schetsje. Te Westkapelle komen twee vrouwen uit den molen, +waarvan de ramen twee groote oogen lijken boven een deur, die een +neus verbeeldt. Eén heet Keetje; zij is getrouwd met Jocker, den +eigenaar van den molen; de andere is haar schoonzuster, Van de Eserke, +wier man boer is. Beide verbazen zij zich, dat de boot van Rotterdam +nog niet de zakken koren heeft meegenomen, waarmee men haast heeft, +als men ten minste ooit haast met iets kan maken. + +De landbouw, voor zoo ver men eigenlijk hier van landbouw spreken kan, +bepaalt zich tot aardappels, kool, wortels en bieten. Weinig koren, +alleen wat tarwe en haver, en dan nog vlas, ziedaar alles. Dat is +zeker een der redenen, waarom men geen brood eet, maar zich voedt +met meelspijs, melk en boter. + +De velden, waar iets verbouwd wordt, zien er slikkerig, vet, leemachtig +uit; in regenachtige perioden zakken de karren er tot de naven der +wielen in. Zoo'n land zou niet geschikt zijn voor de verschillende +producten van onze landbouwstreken. + +De beetwortel wordt in Zeeland over een groote uitgestrektheid +verbouwd. Als de herfst in het land is, ziet men van alle kanten +wagens, door sterke paarden getrokken, heele bergen er van naar de +aanlegplaatsen vervoeren. Indrukwekkend verrijzen die hooge hoopen, +alsof er manna uit den hemel was gevallen, en onophoudelijk worden de +vrachten geschift en geteld door groepen, die niet veel haast maken, +terwijl de dikke kegels, die bultig of opgezwollen en log zijn, +symbolen lijken van de menschen, die ze wegen. + +De schuiten, het eenig mogelijke vervoermiddel in deze vochtige +oorden, komen ze halen, om ze te brengen naar de rustige fabrieken, +waar de stoom hen zal vervormen. + +Over de kanalen met de duizenden van zijtakken glijden de +vaartuigen. Den ganschen dag gaan er zoo voorbij, en men vraagt zich +af, hoe de schippers niet verdwalen te midden van die waterwegen, +die alle op elkaâr gelijken.... Maar de wind, die hen leidt, bedriegt +hen niet, en zij komen zonder ongevallen in de gewenschte havens, +waar ze hun lading lossen en haar na zorgvuldige opeenstapeling +inwisselen tegen klinkende guldens of tegen ruilwaren. + +De voortglijdende schepen en de draaiende molens zijn de eenige +verlevendiging van de al te groene landschappen. + +Achter de kunstmatige oevers, aangelegd om het land te beschermen, +komen de met wimpels versierde masten aanglijden, zachtjes en +voorzichtig, en het is allermerkwaardigst, die zeilen en masten te +zien passeeren boven de landen als lange, zwarte kaarsen. + +Door het trillend water van 't kanaal wenden de schuiten stil +en ernstig hun steven stroomaf langs de buigende waterlelies en +trekken strepen over het water, en op den kalen oever zeulen magere, +kleine paarden ze voort, langzaam en voorzichtig door het groene +polderland. Links en rechts strekt dat zich onafzienbaar ver uit, +zeeën van groen vormend, waar het eenig teeken van menschenleven +gegeven wordt door de molens met hun wijde wiekenvluchten, als spoken +ijlend door de lucht. Zij knikken den reiziger toe, al springend en +huppelend in een rhythme als van den dans. Ernstig loopen koeien en +ossen van bruine kleuren door de velden en scheren de malsche grassen +af, terwijl door het water van de vaarten de schuiten gevolgd worden +door een stoet van eenden. + +Holland is het land, waar het allerminst geluiden worden gehoord, +want alles glijdt er over 't water. + +Er bestaan booten voor iedere soort van transport, dus ook voor +passagiers. Dat zijn kleine stoombooten, met hutten en dekken, die +zonder eenigen schok voortglijden door de kronkelende wateren. + +Als de reis lang is, richt ieder zich in als thuis, zit te rooken +of zet zijn werk voort, als om zuinig te zijn met de stof, waaruit +het leven is gemaakt. Er wordt geschreven, gegeten, geslapen. De +vrouwen naaien, breien, vertrouwen elkander geheimen toe. Van die +haven tot die gindsche ligt voor haar de lengte van een halve kous, +van een boezelaar of een intiem verhaal. + +Men vaart langs een eentonig landschap, dat is waar; maar hoe rustig en +verkwikkend is het niet, in die algemeene stilte den vorm der wolken +na te gaan en het oor te luisteren te leggen naar 't geschuifel van +het water, als het door het bootje wordt gekliefd! Dit is een feest +der diepe gewaarwordingen, feest van vloeiend water en nevel, van +'t koeltje en het licht en de golfjes! + +De minste afwisseling krijgt dadelijk een wonderlijk groote beteekenis, +en men gaat een molen bewonderen, die er wat sierlijk uitziet, of een +roode boerderij, een vreedzaam rund, een jongen, die voorover buigt, +om zijn bootje voort te trekken met behulp van zijn hond. + +In 't voorjaar en den zomer geven waterlelies en irissen witte en gele +tinten aan het blauwgroen water van den kant der kanalen, en in de +schemering werpt de zonsondergang van mooie avonden er het geheele +gamma van zijn kleuren neer, en men krijgt de illusie, over goud, +purper en saffier te varen. Wie Holland wil leeren kennen, moet per +boot reizen liever dan per spoorweg. Het aanleggen bij de verschillende +landingsplaatsen brengt den reiziger tot in het hart van 't hollandsche +land en laat indrukken na, die een vreugde zijn voor langen tijd. + +Trouwens die methode van vervoer beantwoordt zoo uitstekend aan de +natuur van het land, dat zij de eenig mogelijke schijnt te zijn. De +meeste diensten, die elders per wagen worden verricht, gaan hier door +middel van booten. De groenteboer duwt zijn schuit voort, beladen met +groenten, vrachten of bloemen, zooals hij in Frankrijk zijn ezeltje +of zijn karretje leidt. + +Te Amsterdam hebben de verhuizingen te water plaats; melk, bloemen, +hout enz. worden eveneens zoo vervoerd en aan de eene gracht heeft +men de markt voor het eene, aan de andere gracht die voor het andere +product. + +Nadat hij het water heeft teruggedreven, weggejaagd en met dijken +beteugeld, houdt de Hollander ervan, het overal heen te voeren; hij +leidt het door zijkanalen en slooten, maakt er de afsluiting zijner +landerijen en weiden van, de barrières voor zijn kudden, zonder dat +hij honden of herders noodig heeft. + +Er wordt alleen een uitzondering gemaakt voor de schapen, die dwaze +viervoeters, die verdrinken zouden zonder opzet, doordat ze met hun +neus al te ijverig den weidegrond besnuffelden. Men komt ze soms +tegen langs de vaarten, ijverig grazend, gehoed door hun eigenaar in +een rossige overjas. + +Te Wemeldinge, ten zuiden van Goes, vindt men zulke tooneeltjes +ook, getuige dit haastige schetsje, dat mij een mijner meest typisch +hollandsche gewaarwordingen gaf: een avondhemel van lichtgrijze kleur, +een geelachtig kanaal, een langzame schuit, stijve molens, bruine +polder, witte beesten met zachte omlijning, oude man in gedachten, +stilte.... Zelfs de hond blaft niet, als een schaap den verkeerden +kant uitgaat, maar bepaalt er zich toe, zijn snuit tusschen de pooten +van de afgedwaalde te steken. + +Wemeldinge is een oud plaatsje, vooruitgeschoven sluizenpost in de +wateren. Ik kwam er op een regenachtigen morgen aan, toen de hemel in +toorn zijn ganschen watervoorraad uitgestort had. Ik had Zoutelande +verlaten, om mij naar Westkapelle te begeven, waar de beroemde +westkappelsche zeedijk is, alleen te vergelijken bij die van dichtbij +den Helder. Die dijk, verscheiden duizenden meters lang, uit enorme +steenen en stevige palen bestaande, stelt een verbazende hoeveelheid +arbeid voor, wanneer men bedenkt, dat er noch steengroeven, noch wouden +in de buurt zijn. Een kolossale molen steekt er boven uit, niet ver van +de huizen met roode daken. Dat alles ziet er niet juist treffend uit, +doet ten minste niet bij den eersten aanblik verbaasd staan. De natuur +verzacht ook een beetje het bewijs der menschelijke energie, door elk +open plekje met gras te bekleeden; maar zij kan de zee niet beletten, +er onophoudelijk tegen aan te slaan, en als men zich keert naar de +vlakte, krijgt men een indruk van wat de zee heeft moeten afstaan. + +Van Westkapelle naar Veere is niet ver, langs een goed onderhouden +weg. Te Veere is een oud kasteel in een hotel veranderd, onmiddellijk +aan het water gelegen. Een ronde toren is het eigenlijke hoofdblok van +het huis en dient als gezelschapszaal op de eerste verdieping. Hooge +vensters met diepe vensterbanken bieden een goede zitplaats, om den +strijd gade te slaan van de zonnestralen tegen de nevels en de wolken +en de schaduwen. + +Bij het vallen van den avond vallen er subtiele, teedere kleuren in +de ruimte neer, en mooie lichteffecten worden verkregen; als dan de +avond en de nacht daar zijn, dansen overal op het water de lichtjes +en de vuren, teekenen zich eerst onduidelijk af, komen naderbij, +worden rooder, verdwijnen weer. Men hoort geen roeiriemen plassen, +noch geklepper van zeilen of liedjes van scheepsjongens, en 't is, +of het spookschepen zijn, die schatten van de diepten zoeken. + +Te Veere nam ik den volgenden dag een vroege boot en voer naar +Zierikzee in een fijnen regen, wanhopig eentonig, een hollandschen +regen, die echter spoedig overging in dikke pijlvormige stralen, +met woeste vaart uit den hooge naar beneden schietend. + +Ineengedoken in mijn regenmantel, onderging ik op stoïcijnsche manier +den storm, kijkend naar de wagens, die weggezakt waren in den weeken +grond der velden en nu en dan omhoog gehaald werden door de krachtige +inspanning van paardenheupen en pooten, met vet slib bezoedeld. + +Maar ten slotte werd het toch weer helder; ik besteeg mijn fiets en +rolde door het land, overal rondkijkend en tegen den wind in trappend. + +Ik legde vele kilometers af, reed over ophaalbruggen en dammen, langs +weiden en stukken bouwland, door dorpen, die alle aan elkaar gelijk +waren, en kwam te Wemeldinge op den tijd toen mijn maag luide riep +om nieuwen voorraad. + +Wemeldinge heeft een hoofdstraat, beplant met geschoren olmen. Geleid +door een klein meisje, kwam ik al gauw in 't eenige logement der +plaats. + +De waard, een groote, magere man met een profiel voor een medaille, +ontving mij vriendelijk. Hij waarschuwde zijn vrouw. Deze was niet bij +machte mij te begrijpen en riep haar dochters. Vijf jonge, frissche +deerntjes, lachend en rose en mooi, kwamen te voorschijn en stonden +met haar bloote armen en haar gevleugelde mutsen om mij heen. Ik +nam een blad papier en teekende een koe, toen een brood, een karn en +andere ingrediënten, die als symbolen konden dienen van voedsel, dat +ik wenschte te verorberen. Zij vouwden de handen, lachten zeer luid +en spraken allen tegelijk onder druk bewegen van haar kleine handen, +om mij een massa geheimen te onthullen. + +Ik haalde mijn woordenboek voor den dag. Dat wekte sensatie. + +"Lief boerin ... aardige meisjes..." + +Zij dansten van pret. De moeder liet ze op een rij staan, telde ze +met den voorvinger en klopte zichzelve op de borst. + +"Ik heb ze het leven gegeven." + +"Mijn compliment... Bekoorlijk... Ik heb zoo'n honger!" + +Nu haastten zij zich. Eén bracht melk, een ander roastbeef, een +derde brood, een vierde kaas. De vijfde, die heel mooi was, een Martha +gelijk, bleef stil bij mij en hielp mij den weg vinden in het labyrinth +van mijn zinnetjes, die zulk duister Nederlandsch bleken te zijn. + +Als een pacha ging ik aan de tafel zitten, bediend door de bekoorlijke +schoonen, wier rustige gratie en frischheid mij kalm stemden. Ik +verscheurde het taaie vleesch met mijn tanden en verslond met mijn +oogen de aardige tronies. Inderdaad ben ik nooit het voorwerp geweest +van zooveel attenties, zelfs niet in mijn vaderland, waar de jonge +meisjes toch heel lief zijn. + +Toen ik verzadigd was, stak ik een sigaret aan en beloofde den jongen +dames waar te zeggen. Het was vermakelijk. Zij kwamen dicht bij mij +staan, terwijl ik met gefronste wenkbrauwen als een wijze sybille de +lijnen van haar handjes bestudeerde. + +Daarop wilde ik weten, hoe oud ze waren. De handjes gingen omhoog en +als kleine kinderen, die op de vingertjes optellen, rekenden zij de +lentes na, die ze achter zich hadden. + +Ik vroeg ze, mij een hollandsch liedje voor te zingen. Ze vatten +elkander om het middel, traden terug tot achter in de kamer en liepen +naar mij toe onder het zingen van een airtje, tra la la.... Toen +bukten ze allen en lachten, dat ze schaterden, om daarna haastig weg +te loopen. De vader, die tusschen zijn glazen en blaadjes kalm zijn +pijpje zat te rooken, lachte mee. + +"Waar zijn zij heen?" vroeg ik in armzalig Duitsch. + +"Naar boven," zei hij, wijzend naar 't plafond. + +"Ik wou haar portret wel maken." + +"Wacht een oogenblik." + +Beneden aan de trap wezen vijf paar zwarte pantoffeltjes, met kralen +versierd, op een overhaaste vlucht. Hoewel ik er lust toe gevoelde, +durfde ik niet naar den harem opstijgen; dus vergenoegde ik mij met +wachten en een sigaartje te rooken. + +Een kwartier ging aldus voorbij; daarna hoorde ik achter de deur een +onderdrukt geluid. Ik deed de deur open. De oudste drie stonden daar, +uitgedost in de beste spullen. + +"En de beide anderen?" + +Zij schudden het hoofd, wezen op haar kapsel, haalden de schouders op, +en ik meende uit de bewegingen te moeten opmaken, dat een aanleiding +van coquetten aard ze belette, naar beneden te komen. + +"Maar wij zijn er, wij!" beduidden ze mij. + +Ik volgde de meisjes in den tuin, waar een groen hek dien afsloot, +begroeid met klimrozen en loopend langs een wegje. De zon scheurde +bij tusschenpoozen de zware wolken, die in troepen langs den hemel +draafden, en verlichtte dan plotseling den violetten horizon met een +geelachtig schijnsel; maar de mutsjes met de ronde vleugels vulden +voor mij de gansche ruimte, zooals ze daar boven de levendige oogen een +geheimzinnige taal spraken. De jonge meisjes lachten en lieten de armen +hangen. Ik nam ze om beurten bij de pink en bracht ze naar het hekje, +waar ik tegen leunde, om haar in oud Fransch een fijn complimentje te +maken, waarvan zij enkel den klank begrepen; maar die was aangenaam, +want het was dit versje van Ronsard: + + + + "Donc, si vous me croyez, mignonnes, + Tandis que votre âge fleuronne + En sa plus fraiche nouveauté, + Cueillez, cueillez votre jeunesse; + Comme à cette fleur la vieillesse + Fera ternir votre beauté." + + + +Toen zette ik de drie gezichtjes door mijn voorbeeld in de gewenschte +plooi van ernstige vriendelijkheid, en ik ging wandelen, na even mijn +vinger gelegd te hebben op de gouden vlindertjes bij haar voorhoofd. + +Ik liep langs het groote kanaal. De sluizen, die ieder oogenblik +opengaan, lieten langzame schepen door, die, met de zeilen geheschen, +zich verwijderden in de groene omgeving tegen den bewegelijken +achtergrond der lucht, waar zware wolken voortjoegen. Wagens waren +in de buurt bezig hoopen beetwortelen af te laden. Een oude man +hoedde de schapen op de hellingen van den wal. En overal stilte, +altijd stilte ... toen weer avond. + +In de biljardkamer zie ik mij vervolgens, passend bij de omgeving, +gezeten in een hoek en sigaretten rookend met tegenover mij twee van +mijn jonge meisjes, die met droge tikjes aan het breien zijn. Wij +lachen nu en dan tegen elkander met in onze oogen werelden van +onuitgesproken dingen. Ik geniet van de witheid harer aardige huiven, +van de blankheid van haar teint, de lenigheid harer bloote armen, +mooi uitkomend tegen 't zwart fluweel der korte mouwtjes. En die stomme +flirt in het koffiehuis van het verloren dorp bij den rook van sigaren +en de schokjes van de biljardballen, bewogen door ernstige spelers, +bij de kolossale glazen bier en de verbleekte chromo's aan de muren, +wekt allerlei illusies in mijn geest. + +Ik denk, dat ik een der boeren ben, en dat ik hier in huis aan de tafel +zit, om mijn hof te maken aan Reneetje Korstanje, dochter van Frans +Korstanje, waard te Wemeldinge. Reneetje is met de laatste kermis +zestien jaar geweest, en ik heb haar onder de anderen uitverkoren +om haar oogen, die een gouden glans bezitten. Ik heb haar te dansen +gevraagd, heb haar poffertjes laten eten, en aan haar pink heb ik een +zilveren ringetje laten glijden, uit de schatten van een marskramer +opgezocht. Den volgenden dag ben ik aan 't venster komen kloppen, +en ik heb mijn eerlijke bedoelingen aan den vader blootgelegd. De +oudere zusters zijn een beetje jaloersch geweest, want zij wachten met +ongeduld, dat voor haar de tijd van trouwen komt; maar 't zijn goede +kinderen, en ze hebben vriendelijk tegen mij gelachen, nauwkeurig +lettend op mijn manieren, om te zien hoe een minnaar doet. + +Ik ben in het bezit van drie schuiten, en ik vaar van Goes en de andere +plaatsen van de eilanden naar Rotterdam. Ik passeer alle twee of drie +dagen Wemeldinge, en dat zal heel gemakkelijk zijn, want ik zal daar +dan een mooi huishoudstertje op mij vinden wachten. De bruiloft moet +binnen een maand gevierd worden; er zal een groot feest zijn; we zullen +violen hebben en lange linten, jenever, rundvleesch en zwart bier. + +Reneetje zit nog altijd te breien. In Holland breit men niet, als +in Frankrijk, met de punten der vingers. De breisters hebben in de +ceintuur een scheede van gesneden hout; ze steken daar een naald in +en de wol wordt tot breisteken met een verbazingwekkende snelheid, +begeleid door een aanhoudend gegons.... Reneetje breit. Ik schets haar +portret. Zij houdt nu en dan even op, om haar vingers rust te geven, +en ziet met open blik zonder schroomvalligheid of brutaliteit naar +den franschen meneer, wiens baard veel indruk op haar maakt. + +De oudste, een mooie blondine, komt binnen en wenkt mij, haar te +volgen. Zij brengt mij naar een zaal en wijst naar de tafel, waar +vijf porseleinen dekschalen op staan met melk en thee en boter. + +Ik licht bevend die bedriegelijke deksels op en word bijna flauw +van de geparfumeerde geuren, die opstijgen van de voor mij bereide +gerechten. Maar ik moet dapper zijn, want elk oogenblik gaat de deur +half open, en een der vijf gezichtjes komt eens kijken naar wat ik +doe. Ik voel mij door blikken omringd.... Ze kijken stellig door +het sleutelgat, door het venster en glinsteren, om mij te dwingen, +die dingen daar in te slikken. Ik tracht mij te onderwerpen; maar ik +stik bijna en bepaal er mij toe den biefstuk te eten, het gekookte +vleesch en 't brood, die alle redelijk smaken. + +De avond gaat om met langzamen tred. Een jonge onderwijzer, die +brokjes kent van Fransch, Engelsch en Duitsch, heeft met mij gepraat +over zijn toekomstplannen, zijn vrije gedachte en zijn familie. Om +elf uur gaan de klanten opstaan en vertrekken. Alleen een kleine, +ronde, oude man, wiens ambitie bij 't biljarten ik had opgemerkt, +bleef zitten en snorkte kalm. + +De herbergier schudt hem heen en weer; verloren moeite. Men schreeuwt +hem iets in 't oor; hij beweegt niet. Men zet hem overeind; hij slaat +zijn zware oogleden op en is op 't punt te vallen. Hij wordt naar de +deur geloodst; maar hij doet drie schreden, om dan op den vloer te +vallen als een lijk. Zijn witte schedel met enkele gele lokken dreunt +dof op den grond, en hij blijft liggen, weer in slaap vallend.... + +De vijf boerinnetjes zijn doodverschrikt en vouwen de handen. De vader, +die het lastig vindt om de politie, gooit water in het bleeke gezicht +van den dronken man, terwijl de moeder mij geschiedenissen vertelt, +die zeker wel interessant zijn, maar waarvan ik geen woord begrijp. + +Daarom neemt de waard een heldhaftig besluit; hij vat de beenen +van den oude, wijst mij het hoofd, en samen hijschen we hem op het +biljard, waar hij lekker blijft doorslapen, als lag hij in een veêren +bed. Buiten valt de regen met zacht geluid. Daar wordt kort op de deur +geklopt. Een stem vraagt iets. Er wordt open gedaan. Een jonge boer +met het ronde hoedje en het vest met metalen knoopen, komt binnen. Het +oudste meisje keert zich blozend om. Hij kijkt naar zijn oom, want +hij is, schijnt het, een neef, die zoo twee van de drie avonden den +dronken man komt halen. Hij schudt meewarig het hoofd, neemt hem +op zijn schouders en gaat heen, begeleid door een straal van licht, +die uit het koffiehuis over den weg valt onder de ronde, geschoren +olmen naar de donkerheid, het water, de zee, het onbekende. En ieder +volgt in stilte de schreden van den jongen man, den schutsengel, +die den als dooden grijsaard meevoert. + +Den volgenden morgen ging ik, na een ruime uitdeeling van handdrukken +aan het geheele huishouden en slechts eenige guldens armer, aan boord +van de eerste stoomboot en voer over de kronkelende kanalen tusschen +molens, weiden en dijken naar Noord-Holland. + +Die stoomboot zag er verbazend huiselijk uit, en ik voelde, toen ik +mijn voet op het dek zette, dat ik er zou kunnen slapen, zooveel ik +wilde, zonder te worden gestoord. De kapitein, een droog en ernstig +heer, stelde mij voor om naar beneden te gaan, daar het boven koud en +winderig was. Zijn vrouw, een jonge blondine met blauwe oogen, die er +met haar krulletjes en een kleine rose boezelaar kinderlijk uitzag, +zat er en streelde een dikke poes. Zij stond op bij een teeken van haar +man en trad een klein keukentje binnen, achter een schot verborgen, +bracht ververschingen en terwijl de rook der sigaretten haar blauwe +oogen verzachtte, er iets wazigs aan bijzette, zooals de ziel is van +haar volk, liet ik mij zachtjes door het bootje schommelen. + +Des avonds, toen de lichten werden aangestoken, verschenen dokken +en bruggen en vele masten van schepen; klokkenspel weerklonk, en +het stoombootje gleed als een vlindertje tusschen reuzengevaarten +Rotterdam binnen bij het slaperig geluid van de stoomfluit.... + + +IV + +De hollandsche visscher.--Volendam.--De wasch.--De kinderen.--De +eenden.--De haringvangst.--De zoon van den visscher.--Een zonderling +eiland: Marken.--Te midden van het water.--De huizen.--De zeden.--De +jonge meisjes.--Vooruitzichten.--De turf en de veenderijen.--Nationaal +product.--Hoogveen en laagveen.--Plaatselijke steenkool. + + +Als men visschers wil vinden, moet men ze niet in Zeeland zoeken, +ondanks de drukte in Vlissingen. Men neme liever de boot, doe Kortgene, +Stavenisse en Zierikzee aan en ga van Rotterdam over den Haag, Haarlem +en Amsterdam, kalmpjes naar Volendam aan het strand der Zuiderzee; +dat is de goede manier. + +Volendam is langs den straatweg 16 K.M. van Amsterdam verwijderd. Het +is een punt van bijeenkomst van schilders uit alle landen, die zich +van het havenstadje hebben meester gemaakt, om er hun kunstproducten +aan te ontleenen. + +De kleederdrachten, de menschen en de huizen zijn alle geschikt om +een kunstenaarsoog, dat het schilderachtige liefheeft, te boeien. + +De huizen, die door elkander gebouwd zijn langs de pier, omgeven +meertjes en binnenzeeën, kanalen, plassen en slooten, waar ze hun +steunpilaren in drijven. Door het vettige water, zwaar en vuil van +afval en allerlei ander ontuig, duikelen luidruchtige, onbeschaamde, +vraatzuchtige eenden; zij proesten en snuiven, zonder zich te storen +aan de schuiten en en bootjes, waarmee de kooplieden de nabijzijnde +dorpen bezoeken. + +In de verte is de grijze, vlakke, nevelige horizon versierd met +molens, die hun vluggewiekte kruisen zwaaien, en met zilveren linten +van kanalen. + +Op waschdagen wapperen linnengoed en veelkleurige bovenkleêren overal +in den wind; de huizen zijn er mee gedrapeerd, reeksen palen behangt +men er mee, en alles bolt en klatert, alsof het vlaggen waren. + +Volendam is eerst echt Volendam bij stormachtige lucht en op +waschdag. Ieder is buiten. In tegenstelling met gewone steden, waar +men alleen bij noodzaak uitgaat, wordt er hier met pleizier gewandeld, +zooals in alle visschersplaatsen. Er wordt namelijk door de mannen +tusschen twee vischperioden het gemakkelijke, kalme leven geleid van +een solied rentenier. Ze zitten te praten of loopen op klompen rond, +slap en lui, tot de klok van den afslag hen roept en, als het ware, +verzamelen blaast. + +In zijn buitensporig wijde broek, zijn buis en das en bontmuts, +heeft de visscher uit Volendam iets aparts, dat niet te beschrijven +is. Hij heeft iets van een Rus, een Laplander en een Mongool, maar +toont zich Hollander door de duizenderlei kleine eigenaardigheden +van zijn houding en bewegingen en woorden. + +Buiten de tijden, waarop hij op de Zuiderzee zwalkt, met zijn netten +werkend in de nog al kalme golven, is er weinig verscheidenheid in +zijn werk. Zijn langzaamheid is een gewoonte. Hij flaneert altijd; +dat zegt alles. Hij heeft niet, als menschen uit andere deelen van +het land, kleine zorgen voor zijn tuintje, voor den oogst of voor +zijn industrie, en de vrouwen kunnen het huiswerk best af. + +Hij flaneert dus maar, of maakt zonder haast zijn aas voor 't visschen +in orde en zijn netten; hij hurkt in de zon neer met zijn vrienden, +om welbehagelijk te rooken, of zit met zijn massieve zwaarte op de +steenen pieren en zware houten beschoeiingen, die over de zee zijn +uitgebouwd door zijn gestorven voorvaderen. + +Toch is hij bezig, maar in volslagen kalmte en geniet genoegelijk de +rust der stille uren. + +Dit schetsje symboliseert hem: Op een achtergrond van vastgemeerde +booten en een golvende deining, waar de wolken zich in spiegelen, +laat Frans, liggend op den achtersteven van zijn boot, zich zachtjes +wiegelen als een kindje, wachtend, tot men hem manden brengt, om +de zilverkleurige visch in te bergen, die schittert in het ruim van +zijn schuit.... Met de handen in zijn zakken, de pijp in den mond, +rust hij daar uitstekend, en men weet niet vooruit, wanneer die zoete +kalmte een eind zal nemen. + +Enkele zeelui echter--maar er zijn niet vele zoo--zijn wat actiever, +laten groenten en andere levensmiddelen uit de naburige stad komen +en schuiven kalmpjes hun handkarren voort, die er mee beladen zijn, +en waarmee ze bij de huizen venten. + +Kinderen loopen in troepjes rond, met veel drukte van klompengeklots, +maar zonder roepen of schreeuwen, net als in Zeeland. De kleine +meisjes dragen het kanten mutsje van den eigenaardigen om het hoofd +sluitenden vorm, de jongetjes dragen, evenals hun vaders, een wijde +broek, kort buis en bonten muts. + +Het is wezenlijk een genot voor de oogen. Als zij in een lange rij +dansen over de planken van de pier of vroolijk huppelen met de ronde, +tevreden gezichtjes, moet men op mijn woord wel belang in hen stellen, +en men krijgt grooten lust ze mee te nemen, die aapjes van Volendam, om +ze in zijn vaderland eens te laten zien als zeldzaamheden van waarde. + +Er zijn verrukkelijke paartjes, precies gelijkend op personnages van +oude schilderijen, die ons doen glimlachen, omdat er zooveel goed +humeur en vroolijkheid van hen afstralen, zooveel gezondheid ook +en gemoedsrust. + +De vrouwen zijn zeer druk in beweging in Volendam, drukker dan op +andere plaatsen. Zij leven veel minder binnenshuis opgesloten en +doen meer mee aan wat buitenshuis geschiedt. Sommigen wasschen het +huishoudwaschgoed in zeewater aan den rand der op een rij liggende +booten, anderen hangen de stukken uitgespreid op aan lijnen, die +daarvoor tusschen palen zijn gespannen, terwijl de wind om haar +henen blaast. + +Onze fransche visschersvrouwen babbelen, met het breiwerk in de hand, +uren aaneen; maar deze vrouwen zijn alleen uit noodzaak buiten. Waar +zouden ze ook gaan praten? Aan alle kanten is slechts water, in +slooten en plassen en vaarten. Buiten de pier en de beide wegen van +Edam en Monnikendam, is alles water of moeras. + +De eenden, die bij duizenden tusschen houten hekwerk gehouden worden, +kwaken onafgebroken. Het plaatselijke leven concentreert zich op de +pier, waar de mannen rondloopen bij het gebouw van den vischafslag. + +Zijn dit dus de afstammelingen van de beroemde hollandsche zeelieden, +die oudtijds de wereld vervulden met den klank van hunne heldendaden, +toen zij den bezem voerden in den mast, om de zee schoon te vegen, +en die de vloten van Frankrijk en van Engeland konden weerstaan? + +Mijn God, ja ze zijn het wel, en hun schijnbare apathie verbergt +waarschijnlijk een verrassende wilskracht. Is Nederland niet +door hen groot geworden; heeft het aan hen niet zijn bestaan te +danken?... Het vlakke, vochtige land had geen koren, geen steenen +en geen hout; zij hebben er die noodzakelijke dingen aan geschonken, +door er den buit der zee voor in te ruilen. Zij hebben van de zee en +haar rijkdommen geprofiteerd en profiteeren er nog van, als van een +grooten voorraadsschuur vol geconserveerde levensmiddelen. + +Naar den aard der visschen, die in iedere haven het veelvuldigst +voorkomen, onderscheidt men verschillende takken van de vischvangst. De +haring is door den overvloed, die ervan gevangen wordt, en door zijn +goeden naam in het verleden, een echt nationaal product, zoo goed +als turf en tulpen. + +De Hollanders onderscheiden drie soorten van haringen, den pekelharing +of gekaakte haring (kaken is het opensnijden van den haring met +een mes en de visschen dan in lagen leggen, in vaten, op zout); +den steurharing, die in den herfst op de kusten van Engeland wordt +gevischt, en den panharing of versche haring, dien men in de Zuiderzee +vangt en die tot voedsel dient van de armere klassen der bevolking. + +Die laatste categorie is het interessantst, want zij is het groote +middel van bestaan voor de visschers van Volendam, van de andere +havens der kust en van de bewoners der eilanden Urk en Marken. + +De haven van Vlissingen hield zich het eerst met de haringvangst +bezig in lang vervlogen tijden, zoo in de buurt van de 12_de_ +eeuw. In 1360 vond een man uit Zeeland, genaamd Willem Beukelszoon, +de kunst uit van het haringkaken, dus het bereiden van den haring +en het bewaren in zout, waardoor hij een grooten stoot gaf aan de +plaatselijke industrie. Die ontdekking werd het uitgangspunt voor +de ontwikkeling van geheele streken en legde den grond tot dien +publieken rijkdom, waardoor de bataafsche natie in staat is gesteld, +de enorme belastingen te betalen, noodig geworden door het onderhoud +van de werken, tegen de zee opgericht. + +Te Hoorn werd in 1416 het eerste groote net gemaakt, waarvan het nut, +gevoegd bij dat van het inzouten, tot in 't oneindige de opbrengst +der zee vermeerderde. + +Die netten, echte reuzen in hun soort, wekken de gedachte aan de +milliarden visschen, eeuwen aan een door de naburige volken verslonden, +en men begrijpt, waardoor Holland ondanks de armoede van zijn grond +een rijk, soliede en welbehagelijk land heeft kunnen worden. + +Er gebeurde bovenmatig veel voor de haringvangst. Geschiedschrijvers +zijn er niet over uitgepraat en geven wonderbaarlijke statistieken, +volgens welke men moet aannemen, dat het geheele volk zich bezighield +met het vangen, zouten en verkoopen van haring.... In verordeningen +werd het manna van de zee genoemd het Peru van de Bataafsche +Republiek.... Premies tot aanmoediging werden tot aanzienlijke bedragen +gegeven aan de Broederschap der Haringvisschers, tot schade van andere +takken van vischvangst. Geen ander dan een geboren Hollander mocht zich +met het kaken bezighouden.... In 't kort, de uitvoerigste reglementen +beschermden op allerlei manieren deze al te interessante industrie. + +De nederlandsche haring trotseerde aldus langen tijd alle vreemde +concurrentie en deed meer voor de grootheid van het land dan de +beste kanonnen. + +Toen volgden de oorlogen van het Rijk. Groot-Brittannië, altijd +zoekend naar de beste gelegenheden om handel te drijven, verleende +vrijstelling aan de geheele vischvangst, schafte het systeem der +premies af en bracht, door den haring voor minder geld te verkoopen, +aan den hollandschen handel groot nadeel toe. + +In hun weelde als verstijfd, gingen de eigenaars der hollandsche +haringbuizen niet met hun tijd mee en zagen langzamerhand hun handel +verloopen. De zaken gingen zelfs zoozeer achteruit, dat de regeering +op haar beurt de premies moest afschaffen. + +Tegenwoordig heeft de haringvangst geen nationale beteekenis meer, +en al is zij nog voor den visscher een bron van eerlijke inkomsten, +zij is niet meer een voorwerp van algemeene zorg. + +De echte haringvisscher brengt zoo weinig mogelijk tijd aan den wal +door. De zee is voor hem alles: zijn bruid, zijn vrouw, zijn wieg. Met +zijn bijbel en zijn pijp zou hij naar het eind der wereld gaan en +weer nieuwe werelden ontdekken, als er nog nieuwe waren. Er werd te +Volendam met eerbied gesproken over een zekeren Hans Ouderke, tegen +wien men eens in een herberg gezegd had: "Je moest eens naar Indië +gaan." De brave man ging zijn logger de volgende dagen bemannen en +ging er heen.... Een anderen keer vond hij den weg naar Californië, +zonder andere hulp dan zijn kompas. + +Als de visscher niet op den gewonen tijd thuis komt, beschouwt men hem +als verloren, en zijn vrouw mag, als er drie jaren zijn voorbij gegaan, +een nieuw huwelijk sluiten. Vroeger schreef de wet een tusschentijd +van tien jaren voor; maar toen de zedelijkheid daaronder leed, werd +de bepaling verzacht. + +De zoon van den visscher wordt visscher. Van den leeftijd van vijftien +jaar af kent hij volkomen de kunst van 't ophalen der volle netten, +het omgaan met de zeilen en de beheersching van het roer. + +Zeer onafhankelijk, zeer godsdienstig en zeer aan oude gewoonten +gehecht, volgt hij in alles 't voorbeeld van zijn vader, die +zelf dat van den zijnen volgde. Op zee drinkt hij nooit; aan land +drinkt hij betrekkelijk weinig, behalve op de kermisdagen, die echte +bacchanaliën met zich brengen. Op die dagen nemen de herbergiers de +meubels weg uit hun zalen en laten er enkel een tafel staan en stoelen +en banken. Nacht en dag verzonken in een onrustbarende dommeligheid, +met tusschenpoozende oogenblikken van groote bewegelijkheid, waarin +hij hartstochtelijk aan het dansen deelneemt, gaat de visscher zich +in zulke tijden te buiten aan sterken drank en slaap. + +Hij trouwt al vroeg. + +De kustvischvangst omvat de vangst van versche visch van allerlei +soort en die van den haring, bestemd om te worden gerookt. + +Een gewone boot voor die vangst kost drie tot vijf duizend gulden. Zij +behoort òf aan den visscher zelven òf aan den reeder. De bemanning +krijgt een groot net met touwen; het overige moet zij zich zelve +aanschaffen en zij moet in haar eigen onderhoud voorzien. De +onderhouds- en reparatiekosten van het schip worden gelijk verdeeld; +wat boven de klamp is, dat is buiten het water, komt voor rekening +van de bemanning en wat onder water is, voor dat van den eigenaar of +reeder, op grond van het beginsel, dat het eerste door veronachtzaming +kan lijden, en dat het laatste geleidelijk slijt. Voor de zeilen +zorgt de eigenaar. + +De vangst van versche visch maakt slechts vrij korte tochten +noodig. Zoodra ze terug zijn, ontschepen de mannen hun buit en +verkoopen dien dadelijk op het strand aan de kooplieden uit de buurt of +brengen de vangst naar den vischafslag, als er zulk eene inrichting +bestaat. De visch wordt dan naar de naburige steden vervoerd in +wagens met sterke honden er voor, die met merkwaardigen ijver hun +werk doen. Die ambitie heeft ons wel eens een glimlach ontlokt over +de sentimentaliteit van onze landgenooten, die een verbod hebben +uitgevaardigd tegen het gebruik van trekhonden. + +De vangst van versche visch houdt op met het einde van den zomer en +maakt plaats voor de haringvangst tot in December. + +Daarna is de tijd der gedwongen werkstaking daar, en daar de visscher +zelden zich eenigen welstand heeft kunnen verwerven, ontstaat er groote +armoede en ellende, die door de autoriteiten moet worden weggenomen +door geregelde ondersteuning. + +De Zuiderzee vormt, zooals bekend is, een golf van de Noordzee. De +massa harer wateren beslaat een ruimte van 54 vierkante mijlen en +bespoelt de provincies Friesland, Gelderland, Utrecht en Noord-Holland, +waarvan zij indertijd bij hooge vloeden groote stukken heeft +afgeslagen, daarbij op alle kusten dood en vernieling brengend. + +In de open zee vormen de eilanden Urk en Marken nog overblijfselen +van die verzwolgen landen. + +Marken, het grootste, ligt tegenover de stad Monnikendam. In één uur +kan men met goeden wind er per boot worden heengebracht. + +Dat uur legt vele eeuwen tusschen de bewoners van het eiland en die +van het vasteland. Het verschil in kleeding en zeden en gewoonten +is zelfs zoo groot bij dien verbazend kleinen afstand, dat men +aan verschillende afkomst heeft gedacht. Sommigen beweren, dat de +eilandbewoners afstammelingen zijn van de Marsotten, van wie Plinius +en Tacitus melding maken. Zij bezetten een stuk gronds dicht bij het +meer Flevo. Een overstrooming scheidde dit deel van het vasteland op +'t eind van de 13_de_ eeuw. + +De ruimte er tusschen was eerst slechts smal en een gewone houten +brug onderhield de gemeenschap; maar langzamerhand vrat de zee meer +land weg, meer velden en polders, en de boeren moesten, om te kunnen +leven, visschers worden.... + +Ik nam de boot naar dat eiland tegen vijf uur 's avonds en voer weg +van de aanlegplaats te Monnikendam. Twee jonge knapen met korte, wijde +broeken en buizen van een grove stof en ronde hoeden, zijn aan het +laden van allerlei eetwaren; zij hebben met hun vader een geregelden +dienst tusschen het eiland en den vasten wal in 't leven geroepen. + +Met een voor Hollanders ongewone vlugheid voerden zij de verschillende +handgrepen uit voor 't zeilklaar maken van de boot, heschen het groote, +bruine zeil, maakten de touwen in orde, tot eindelijk de schuit bewoog +en zich naar de open zee wendde. + +De oudste der matrozen had de boom in de hand genomen en stond +te duwen, kijkend naar de stad, die achteruit week in het rossige +schijnsel. + +Er hing een nevel over 't water, voorbode van de vallende schemering; +het klokkenspel in den toren gaf in heldere klanken den tijd aan; +daartusschen hoorde ik 't geklots der golven, door ons scheepje +uiteen gedreven, en dit oogenblik had iets geheimzinnig ernstigs, +alsof wij naar een onbekend land gingen. + +Langzamerhand hadden wij niet anders om ons heen dan water en +nevels. Een der jongens floot een wijsje. De touwen van den mast +knarsten onder den druk van den koelen wind; toen doken schaduwen op, +eerst onduidelijk, toen helderder. Het waren puntdaken van huizen en +masten, uit zee oprijzend; zonder duinen of rotsen lag Marken daar, +als een zeer groot vlot op het water, half ondergedoken. + +De boot stopte aan de kade en werd vastgelegd. Ik sprong aan land. Er +waren daar twee of drie mannen, gekleed als mijn varensgasten, en +jonge meisjes met lange losse haartressen leunden tegen een brug. Een +groote stilte heerschte er in het haventje, dat daar lag te midden der +bewegelijke zee. Ik moet er wel een zonderlingen indruk hebben gemaakt, +zoo weinig was ik in harmonie met die houten huizen, op palen gebouwd, +en die zonderlinge menschen. + +De meisjes keken mij aan. In de avondschemering hadden haar oogen +met de lange wimpers tusschen de hangende krullen langs hun hoofd +diepten als van den oceaan, en toen zij ernstig het hoofd bogen bij +mijn voorbijgaan, kon ik denken, dat ik zeegodinnen vóór mij had, +jonkvrouwen, zoo dikwijls door dichters bezongen. Ik haastte mij, +mijn weinige bagage te deponeeren in het eenige logement, en ik +stapte de straatjes binnen, met steenen geplaveid, die naar de zeven +buurtschappen voeren, kunstmatige hoogten van leem en veen, waar de +huizen der bewoners staan. + +De zee had, zooals dikwijls gebeurt, den vorigen dag de magere +weiden overstroomd, die om de terpen tusschen de lage dijken lagen, +zoodat ik aan beide zijden door water was omringd, en de huizen +in den echten zin des woords uit het water opstaken zonder eenigen +horizon van land. Hoog gras groeide op sommige plaatsen en herbergde +kakelende eenden, terwijl de halmen ritselden in den wind en de +intense somberheid verhoogden van dat waterland. + +Zoo liep ik een uurtje rond, tot het volkomen donker was, en nam +die duizenderlei gevoelens in mij op, die het onmogelijk is om weer +te geven, gevormd door 't onverwachte, 't onbekende, plotselinge +kleurnuances, en altijd groetten mij de vrouwen met de diepe oogen, +die zonder woorden spraken. Toen keerde ik naar de herberg terug, +waar een vroolijke dienstmeid, forsch en in kleurige kleedij, mij +een stevig maal voorzette. + +Den volgenden dag had het water zich teruggetrokken, en ik kon het +eiland bekijken, want het is, in 't groot beschouwd, één eiland. + +De haven is het meest vaste deel van Marken. Overal door steen en +hout stevig omringd, liggen er een honderdtal visschersschuiten veilig +voor anker. + +De huizen, geteerd en met pannen daken, zijn uit planken opgetrokken en +staan op een veenbedding. De woningen van binnen te bekijken, behoort +tot de werkzaamheden der vreemdelingen. De grootste zindelijkheid +heerscht er tot in alle hoekjes; glimmen doet het vaatwerk aan de +wanden, en alle koper straalt u tegen als een spiegel. Het is de glorie +van ieder huisgezin, en ik zag telkens jonge meisjes mij met den vinger +wenken, dat ik de mooie properheid van de woningen zou bewonderen. Die +teekens en de glimlachjes, die er bij behoorden, waren, helaas, +slechts vermomde verzoeken om geld, en ik moest met mijn bezoeken +zuinig zijn, uit vrees van anders al mijn geld er achter te laten. + +De meeste huizen hebben slechts één vertrek, waar geslapen, gekookt +en gewerkt wordt; vele hebben geen plafond en staan rechtstreeks met +den zolder in gemeenschap. Ook zijn er, die geen schoorsteen hebben; +tegenover het grootste venster ligt een steenen of ijzeren plaat met +een rij steenen er omheen; een opening in het dak laat den rook door, +die zich over den zolder verspreidt, waar de netten drogen en de +voorraad wordt bewaard. + +Borden en schotels van oud porselein zijn er in de kleinste woning +te vinden. Die smaak voor porselein en kristal, voor gestreepte +bedgordijnen en kleurige dekens is een eigenaardige trek in het +hollandsch karakter en komt vooral sterk uit op Marken. Hij wijst op +de bekrompenheid van het bestaan der bewoners. + +De bodem van het eiland is vrij vruchtbare kleigrond. Hij brengt hooi +en riet voort, waarvan door de bewoners groote hoeveelheden worden +uitgevoerd. Het hooi wordt verkocht en dient voor een deel voor de +voeding der weinige koeien van het eiland. + +Daar de putten van Marken slechts zoutig water leveren, zijn de +bewoners genoodzaakt, regenwater te gebruiken, om hun beesten mee te +drenken en hun eigen voedsel te bereiden. + +Ze zijn zeer onontwikkeld in maatschappelijke aangelegenheden. Zij +leven van vischvangst en brengen het overige van den tijd door +met onbeduidende werkjes, die alleen voor henzelven van belang +zijn. Ze hebben in 't geheel geen handel; aardappels, groenten, +kruidenierswaren, turf, drank, alles wordt hun uit Monnikendam gebracht +of uit Hoorn of Amsterdam. + +De bewoners van Marken trouwen altijd onder elkander. Er wordt verteld, +dat ze vroeger bij gebrek aan vrouwen eens hun booten bewapenden en +een razzia hielden, om vrouwen uit Edam te halen, maar die geschiedenis +is niet te bewijzen. + +Gewoonlijk trouwt men tusschen het vier-en-twintigste en het +acht-en-twintigste jaar, en er wordt gelet op overeenkomst in leeftijd +en neiging. + +Over 't algemeen zijn de meisjes lomp en ruw; maar er zijn wel +aankomende deerntjes, die iets expressiefs hebben en door hun half +wilde gratie de leelijkheid der anderen doen vergeten. Timide zijn +ze niet en lachen doen ze graag. + +Op mijn wandelingen kwamen ze in hun bonte kleeding dikwijls om +mij heen staan, ze drongen mij tegen een muur en hielden mij met +uitgestrekte armen tegen, of stelden mij, terwijl haar krullen tegen +mij aanwoeien, allerlei vragen, die ik niet verstond, maar die zeker +grappig waren, want ze lieten haar tanden zien en lachten vroolijk. Ik +gaf in het Engelsch antwoord of in 't Duitsch en 't Arabisch en kneep +haar in de armen. Toen ik even de kin van een meisje in de hand had +genomen, begonnen twee anderen verbaasd te gillen en riepen een paar +huismoeders te hulp. Toen omhelsde ik het kind bij verrassing. Nooit +heb ik zulk een gekrijsch gehoord. Zij stonden om mij heen, zwaaiden +met de bloote armen, de lange lokken in den wind, de japonnen wijd +uitslaande, den hemel tot getuige roepend bij mijn onbeschaamdheid. De +omhelsde vooral zette woedende oogen op; deze brutaliteit riep om een +voorbeeldige straf voor den misdadiger, een bliksemslag bij voorbeeld +of een verzinking in den grond. + +Daarom klom ik op een vat en sprak ze aldus aan: + +"Vrouwen van Marken," riep ik, "ik ben hier gekomen, om uwe +gastvrijheid in te roepen. Mijn hoedanigheid van vreemdeling geeft +mij dus het recht, te proeven van uwe vruchten, ook van de perziken +uwer wangen.... Ik verzoek stilte en beloof, u presentjes te zullen +geven ... boem, boem, boem!" + +"Boem, boem!" herhaalden de geestdriftige jonge meisjes, zonder dat +ze een woord verstaan hadden. + +Daar zij mij nog altijd tegenhielden, begreep ik wel, dat ze tolgeld +wenschten te ontvangen; maar ik zwaaide mijn camera op de manier van +een tomahawk, uitte een gil en sprong op den dijk. Daar richtte ik +het instrument, en de menigte zette het op een loopen als haringen, +door de haringbuizen achtervolgd, behalve de drie jonge kinderen, +die bleven en die in stijve houdingen door mij zouden gekiekt worden. + +"Ik zie, jonge meisjes," ging ik voort, genietend van de heerlijkheid, +te kunnen praten zonder te worden verstaan, "ik zie, dat mijn +edelmoedig aanbod welwillend is ontvangen. Sla dus uw oogen op mij +en gun mij glimlachjes." + +Toen ik met centen geschud had in mijn zak, spitsten zij de ooren, +gingen met mij in den zonneschijn en ik legde voor de toekomst haar +vreemde trekken vast, waarna ik haar een handvol centen gaf en zij +verheugd verdwenen. + +Soms zijn de kleine meisjes heel aardig. Als ze naar school gaan +met jongens, de kleurige pakjes boven de polders vertoonend als in +een groen décor, arm in arm voortstappend, krijgt men er pleizier +in, zooals voor een schilderij vol frissche kleuren en prettige +gezichten. Sommigen dragen in plaats van rokjes de wijde broeken van +de broertjes, wat ze er kluchtig doet uitzien. + +Op bruiloften, verlovingsfeesten en kermissen ziet men een +kleurenrijkdom als nergens elders. Alle tinten uit een kleurendoos +voor waterverfteekening zijn uitgestrooid over de jurken, de mutsen +en de boezelaars, en men knipt met de oogen, zonder te weten waar +men ze rust zal geven. + +Maar die dagen zijn uitzonderingen. Gewoonlijk is het op het eiland +nog al somber, en het leven vloeit er voort bij peuterigen arbeid, +die altijd eender is. + +De mannen visschen of halen de ponten of schuiten binnen met turf +en proviand, boeten de netten, schilderen hun muren over, terwijl de +vrouwen het huis schoonhouden, linnen wasschen, met de kleine kinderen +buiten wandelen of aan het lossen van de booten helpen. + +Langs de vaarten ziet men ze soms rustig voortglijden, in booten +gezeten, waar ze dan even uitstappen, om telkens de ophaalbruggen +op te lichten, die bij de overgangen en kruisingen van wegen over +'t water liggen. + +In den winter staat de helft van het eiland onder water, en de +menschen gaan in booten naar elkander toe, bezoeken op die manier de +kerk en de school, en worden per boot begraven. Het kerkhof ligt op +de hoogste werf of terp van het eiland. + +Men vraagt zich wel eens af, waarom toch de dijken zoo laag zijn; als +men ze ophoogde, zou men die lastige overstroomingen vermijden. Maar +kenners beweren, dat de grond, die niet heel vast is, geen zwaardere +belasting dragen kan. + +De gewoonte is een tweede natuur. Als men van de Markers ging +vertellen, dat zij er slecht aan toe zijn, zou dat verloren moeite +zijn. Zij voelen er zich op hun gemak; zooveel te beter. + +Bij den toeloop van toeristen, die in den laatsten tijd al grooter en +grooter wordt, vooral in den zomer, beginnen zij zich als merkwaardige +curiositeiten te beschouwen en droomen misschien den uitlokkenden +droom van geheel onderhouden en verzorgd te worden door de penningen +der vreemdelingen. Zij verkoopen hun kleêren al, en het zal wel niet +lang duren, of ze verruilen ze tegen hoeden en moderne broeken.... + +Het eiland Marken zal zijn bescheiden plaatsje wel blijven innemen +tegenover het vasteland; zijn huizen, in het zoute water staande; +zijn steenen straatjes in den mist; zijn hoogste punt, waar de dooden +rusten, en zijn vier gehoornde beesten, wadend door den sponsachtigen +grond ... tenzij op een dag, gelijk aan dien, waarop de Zuiderzee +ontstond, het ook op zijn beurt worde weggevaagd, verzwolgen in den +storm en neergelegd op den bodem van de Zuiderzee. + +Zoo'n einde zou voor zulk een plekje uit het verleden, dat onder de +modernen is verzeild geraakt, een natuurlijk en passend slot zijn, +en men zou dan mogelijk een verklaring hebben van die zonderlinge +aantrekkingskracht, die de oogen der meisjes van Marken bezitten +des avonds, wanneer zij het hoofd buigen en den vinger waarschuwend +opheffen, als spoken uit een wereld, die reeds afgedaan heeft, +opgestaan uit hun graven, om u een groet te brengen.... + +De Hollander heeft ongetwijfeld minder verbeeldingskracht dan de +Franschman. Hij is realist in den echten zin des woords en rekent in +plaats van te droomen. Zoo denkt hij er niet aan, dat met de turf die +hij dagelijks uit het water haalt, hij ook de overblijfselen van zijn +bloedverwanten en vrienden opneemt, om aan hen de warmte te ontleenen, +die ze bij hun leven hadden. Hij vindt de turf een geschikte brandstof, +gebruikt die en heeft daar gelijk in, zooals hij ook, in tegenstelling +met onze soms onverstandige gevoeligheid, zijn honden gebruikt voor +het trekken van geriefelijke karretjes. + +Van Holland spreken zonder het over de turf te hebben, zou zijn een +der eigenaardigste karaktertrekken van het land over 't hoofd te zien. + +Uit geologisch oogpunt is de bodem zeer arm; hij bevat geen steenkool, +noch ijzer, noch andere mineralen. Bosschen zijn er weinig en men +moest, om dijken en huizen te bouwen, zijn toevlucht nemen tot +pijnboomen uit Noorwegen en tot duitsche boomen, langs den Rijn +aangevoerd. + +Men kon er niet aan denken, dat hout te gebruiken als brandstof; dat +zou te schadelijk zijn geweest. Daarom ging men het veen gebruiken, +na er turf van te hebben gemaakt. + +Veen is een soort van zachte, zwartachtige aarde, die men aantreft +onder lagen leem of zand, 't zij bij den aanleg van kanalen, 't zij +bij het bouwen der huizen. Op enkele plaatsen blijkt de aanwezigheid +van veen door den onvasten toestand van den grond. De veerkrachtige +bodem, opgezwollen en verzadigd van water, buigt door onder den voet +en herstelt zich dadelijk weer. Dan zeggen de menschen: "Hier zit +veen in den grond." + +De opgraving van het veen is een kunst, die al sinds overoude tijden +bekend is. Plinius en Tacitus gewagen ervan, de eene met een zucht, +omdat een volk genoodzaakt is zijn eigen land te verbranden, de tweede +met bewondering voor zooveel snuggerheid. + +De veengraverij verschaft werk aan duizenden individuen. Het is +een brandstof van niet heel veel beteekenis, donker en lastig in 't +gebruik; daarbij verkoolt ze meer, dan dat ze vlamt en brengt zwaren +rook voort. + +Veen wordt zoo wat overal in Holland aangetroffen. Men behoeft maar +een weinig te graven om het te ontdekken. + +Als de eigenaar van een stuk grond besloten heeft, zijn akker tot een +veld van exploitatie te maken, laat hij parallelle insnijdingen maken +om de aarde te ontlasten van het water, waarmee zij gedrenkt is. Die +slooten, die eerst ondiep zijn, worden dieper en dieper gemaakt, +tot het water er uit is. + +Er zijn zes à acht jaren noodig om het land droog te leggen en het +water met slooten en sluizen te leiden naar het toekomstige kanaal. + +Daarna gaat men het veen te lijf met daarvoor bestemde schoppen, +snijdt het in brokken, die men als steenen laat drogen en die op +elkaar gestapeld worden en gedroogd in den wind. + +Niet zelden vindt men in de veenlagen, diep in den grond, boomen, +die goed geconserveerd zijn, overblijfselen van oude bosschen, door +overstroomingen of hooge vloeden verwoest. Ze worden gebruikt voor +wat ze waard zijn, meestal als brandstof, soms ook voor fundeeringen. + +De lagen aarde, die den veengrond bedekten, worden op het land +teruggebracht, vlak uitgespreid en leveren den bebouwbaren grond, +waarop aardappelen en koren zullen worden verbouwd. + +Zoo gaat het bij de hooge venen. In de lage venen gaat alles gauwer, +en men behoeft zich daar geen moeite te geven, het land eerst te +draineeren. Men tast direct den grond aan. Als gras en leem eerst +zijn verwijderd, dus als twee of drie voet van den bouwgrond zijn +afgegraven, legt men de veenlaag bloot, die doortrokken is met water, +een soort van vette brij. De arbeiders, met groote laarzen aan, +scheppen dan de toekomstige brandstof zoo maar op en plonsen die in +groote schuiten. Het veen ziet er dan bruin uit, en men herkent er nog +wortels in en verrotte takken. Het wordt in groote bakken geschept, +gemengd en bewerkt, gestampt met zware stampers of getreden met groote +platte trappers, ontdaan van steenen en wortels, gekneed als deeg +en te drogen uitgespreid op riet. Als het begint droog te worden, +snijdt men het in brokken en stapelt de turf in hoopen op elkaâr. + +Drie maanden zijn ongeveer noodig, om de brandstof volkomen droog te +maken. Dan wordt de turf in schuiten geladen en naar de verschillende +markten gebracht, waar zij koopers vindt. + +De hoedanigheid der turf is zeer uiteenloopend. Er is turf met meer of +minder houtige bestanddeelen, meer of minder poreus van aard, zwaarder +of lichter op 't gewicht. De huisvrouwen herkennen snel aan de kleur +en den vorm de eigenaardige hoedanigheden van de brandstof. Er is een +soort, die voor de keuken dient, een andere voor de open haarden, +een derde voor fabrieken. In 't algemeen geeft men de voorkeur aan +de turf uit de lage venen boven die uit de hooge venen. De bakkers +bakken hun brood met turven, die niet zeer dicht zijn en daardoor +spoedig vlam vatten. De turf dient ook nog als voedsel voor kalkovens, +pannebakkerijen en wordt in bierbrouwerijen enz. gebruikt. + +Bij steenkool vergeleken, geeft de turf wel de helft minder warmte; +maar alles in aanmerking genomen, is zij als brandstof toch veel +goedkooper. + +Het grootste bezwaar is het volume, dat lastig en bezwarend wordt. Turf +neemt drie- of viermaal zooveel ruimte in als steenkool. Men heeft +geprobeerd de turf samen te persen, en men is daarin goed geslaagd, +maar naar beweerd wordt, is de moeite te groot voor de belooning; +de kosten overtroffen de waarde der koopwaar, en de eigenschappen +van die laatste verbeterden er niet genoeg door. + +Voor stoombooten en voor de grootindustrie moest men wel weer tot de +steenkool terugkeeren. + +Hoe het ook zij, turf is eeuwen lang bijna de eenige brandstof der +bewoners geweest. De kool van turf heeft aanleiding gegeven tot de +zuiver nationale gewoonte der warme stoven. In den winter hebben de +hollandsche dames in haar eigen vertrekken, zoowel als in de kerk, +onder haar rokken een stoof met een kool er in, wat, naar men zegt, +het teint van de dames een gele tint geeft. Zij, die deze opvatting +koesteren, zijn ernstige menschen, kalm gezeten in hun groote stoelen +van riet of mandwerk, met een groote pijp in den mond en een glas +bier vóór zich, hoog schuimend in het glas. Zij zouden toch iets +dergelijks niet beweren, als ze er niet volkomen zeker van waren +door allerlei gezegden en opmerkingen, zorgvuldig bijeenverzameld +uit intieme gesprekken, en men zou verkeerd doen, zich bij zulk een +oordeel sceptisch te toonen. De rook van de turf maakt het teint der +hollandsche dames geel, zooals de rook van droog hout aan hammen die +bruine kleur geeft, die ze zoo lekker doet smaken. Ze worden er dus +geen haar minder om; integendeel. + +De asch dient bovendien tot mest; met het roet reinigt men ijzerwaren +en tin; de rook dient tot conserveering van gezouten vleesch en haring, +tot bereiding van beenzwart, inkt en vernis; kortom, het veen is een +der grondslagen van de hollandsche huishouding. + +Inderdaad maakt men er de fondamenten van het huis van. Daartoe +brengt men de steenen en het metselwerk aan op een onderlaag van +stukken brandbare aarde, in den vorm van een pyramide opgestapeld. Die +veenlaag zwelt op onder het water en vormt zoo een onwankelbare basis, +die door het vocht niet meer wordt aangetast. Na eeuwen, als het huis +van ouderdom bezweken is, vindt men de veenachtige substantie zoo goed +bewaard als op den eersten dag en nog geschikt, om verstookt te worden. + +Uit een en ander volgt, dat veen het product is van de langzame +vertering van plantaardige stoffen, van riet en biezen en mossen, +die, op elkander gestapeld, vergingen en door de vochtigheid ontbonden +werden. + +De provincies, die het meest te danken hebben aan het bestaan van +veengrond, zijn Friesland, Groningen, Drenthe en Overijsel. + +Als de veenlaag geëxploiteerd is, blijft er ongelukkig veel water +over, dat moet worden verwijderd met behulp van veel molens en veel +slooten. Daar het onderhoud van die molens nog al kosten meebrengt, +moet men zich er niet over verbazen, dat in Holland de prijzen der +levensmiddelen tamelijk hoog zijn.... + +Desondanks heeft een oud dichter, Vondel genaamd, in geestdrift +over het succes, met de turf verkregen, aan het hoofd van een zijner +werken dit hoog welsprekend woord geplaatst: "Gelukkig het land, waar +'t kind zijn moêr verbrandt!" + +Besluit.--Dit alles toont duidelijk aan, dat er volstrekt niet in +Holland alleen water is, zooals men zou kunnen gelooven, als men +zich slechts onderrichten liet door fantastische berichten. Holland, +door duizenden kanalen doorsneden, omgeven door eilanden, golven, +inhammen, heeft inderdaad wel zeer veel water, maar dit oppermachtige +water, dat alles kan overweldigen, dat rijst en daalt en tot zoo +ver het oog reikt, zijn net van bewegelijke wegen uitspreidt, waar +onophoudelijk booten, schuiten, ponten, stoombooten en eenden varen, +dat water is de onuitputtelijke bron van den bataafschen rijkdom, +en men zou wel een prachtig, kostelijk woord willen vinden, in een +lijst van metalen lettergrepen, om dat kleurloos, vloeibaar ding mee +aan te duiden, dat alle tinten van de wolken overneemt, dat de molens +en de polders weerspiegelt en dat van Holland maakt het waterrijkste +van de waterrijke en 't merkwaardigste van alle vlakke landen. + + + + + + +NOOTEN + +[1] Wij hebben den franschen schrijver in zijn reisverhaal op den +voet gevolgd, al kwam soms de lust boven, hem eens even in de rede +te vallen, waar hij in zijn gevolgtrekkingen te ver ging en, naar +het weinige dat hij zag, oordeelde ook over het vele, dat hij niet +zag. Het zal onzen lezers zeker evenzoo gaan, maar om der curiositeits +wille zal het oordeel van den Franschman hen interesseeren en zijn +aardige verteltrant zal hen boeien. + +Vert. + + + + +Reis door Tunis en Algiers + +Door + +M. G. Brondgeest. + + + +Voor ons Nederlanders, bewoners van noordelijke koude luchtstreken, +hebben de woorden "het Zuiden, de Middellandsche zee" een betooverenden +klank. Zij doen ons zoo denken aan schitterend zonnelicht, aan +koesterenden zonnegloed, waar wij vooral in den winter met zijn korte, +vaak zoo sombere dagen zoo reikhalzend naar kunnen verlangen. Ook +onvergelijkelijke kleurenpracht, bonte kleederdrachten en sappige +zuidvruchten roepen zij voor onzen geest. Wie, al is hij nog zoo +hokvast, heeft niet eenmaal in zijn leven het verlangen, eenige +weken in het diepe blauw der Middellandsche zee te staren, aan hare +schilderachtige kusten te droomen en te dwepen? Welke zee, met al de +kuststreken, die hare golven bespoelen, biedt den reiziger zooveel +natuurschoon aan als de Middellandsche zee, kan op een verleden, op +een geschiedenis bogen als de hare? Te vergeefs zou men in dit opzicht +haar gelijke zoeken. Tot haar gebied toch telde zij het kleine, met +zeldzamen kunstzin begaafde volk der Grieken, welks edele scheppingen +zelfs nu nog ons geslacht met bewondering vervullen en voor een deel +nooit overtroffen zijn; zij zag dit volk politiek, ja, ten onder gaan, +maar op cultuurgebied zijn schoonste lauweren behalen, daar zijn +overweldiger zelf het voornaamste werktuig werd voor de verbreiding +van zijn hoogstaande kunst en wetenschap over de geheele toenmaals +beschaafde wereld; zij beleefde het, hoe een enkele maal haar kusten +en eilanden onder één heerschappij, die der Romeinen kwamen, waardoor +aan al die kusten de vaan des kruises geplant werd; zij aanschouwde +met ontzetting de verwoesting van dit vermolmde en wankelende rijk +door de blonde zonen van het Noorden, die het een ander, maar jonger, +frisscher, nieuwer leven inbliezen; met onuitsprekelijke droefheid was +zij er getuige van, dat het zegenrijke kruis bijna aan al hare kusten +verdrongen werd door de troostelooze halve maan; maar ook met groote +vreugde, dat het weer een rijk van haar gebied was, het kunstlievende +Italië, waar oude kunsten en wetenschappen herleefden; ten slotte +werd de halve maan allengs weder van hare kusten verdrongen, terwijl +vooral in de laatste helft der vorige eeuw, Westersche beschaving +en menschelijkheid de overhand verkregen. Vooral in de landen, +gelegen aan Afrika's Noordkust, heeft de Europeesche invloed zich +doen gelden en hebben orde en goed bestuur Mohammedaansch wanbeheer +vervangen of verbeterd. Engeland heeft zich vooral met het oog op 't +Suezkanaal voor goed in het Nijldal gevestigd. Frankrijk, dat zulke +groote belangen heeft aan het kustgebied der Middellandsche zee, +vestigde in 't bijzonder zijn aandacht op Tunis en Algiers en in den +laatsten tijd ook op Marokko. Bekend is de moeite, die Duitschland en +in 't bijzonder de Duitsche regeering zich geeft, om met den Sultan van +Turkije vriendschappelijke betrekkingen aan te houden en te versterken, +teneinde zoodoende den Duitschen invloed in Klein-Azië, Syrië en +Palestina uit te breiden. Voor den Europeaan is in die streken een +ruim arbeidsveld geopend op het gebied van handel en nijverheid. Het +spreekt van zelf, dat verbetering en uitbreiding van het verkeerswezen +een der eerste zaken waren, die men met ijver ter hand nam. + +Aldus worden ook voor het reizend publiek landen, rijk aan +natuurschoon geopend, die tot nog toe slechts door eenige weinige +bevoorrechten bezocht werden. Reisbureaux wedijveren met spoorweg- +en stoomvaartmaatschappij en om het den reizigers gemakkelijk en +aangenaam te maken. Zoo komt het, dat men tegenwoordig in Algiers +en Tunis even goed reist als in Europa. Daar wij voor eenigen tijd +gelegenheid hadden deze beide landen te bezoeken, is het ons aangenaam +er in dit tijdschrift het een en ander van mede te deelen. Wij doen +dit ook in de hoop, dat het enkele landgenooten, die anders hun tijd +in een dolce far niente aan de Riviera doorbrengen, moge bewegen eens +een kijkje aan den overkant te gaan nemen. Zij zullen zich niet te +beklagen hebben. + +Aan gene zijde vinden zij een prachtige, dikwerf nog maagdelijke +natuur, een oorspronkelijke bevolking, oude volkrijke steden en +... geen speelbank, waar zij hun geld kunnen kwijt raken. + + + + + +Algiers en Tunis, te zamen iets kleiner dan Frankrijk, vormen met +Marokko en Tripoli het oude Barbarye, reeds uit de tijden onzer +Republiek bekend om zijn zeeroovers. Na onder de heerschappij van +verschillende volken, Oostersche en Romeinsche, Germaansche en +Byzantijnsche, gestaan te hebben, werd het omstreeks 700 veroverd +door de Arabieren. In afzonderlijke rijken gesplitst, bleven de +Mohammedanen er meester tot in de eerste helft der vorige eeuw. Tijdens +hun bestuur of liever wanbestuur zonken deze landen, eertijds parels +aan de Romeinsche imperatorenkroon, hoe langer hoe meer weg in het +diepste verval. Het land werd verscheurd door onderlinge twisten der +verschillende emirs, beys en stamhoofden, elk spoor van Christelijke +beschaving uitgeroeid en in de havensteden, als Tunis en Algiers, +troonden vorsten, die hun residenties verrijkten met den buit, +welken hun roofschepen daar aanbrachten. Gedurende eeuwen waren de +Barbarijsche zeeroovers de schrik der Europeesche koopvaardijschepen, +niet het minst der Hollandsche, die hun vlag zoo dikwijls in de +wateren der Middellandsche zee vertoonden. Herhaalde expedities en +veroveringen hadden wel een aanvankelijk doch geen blijvend resultaat. + +Meer dan eens werd de Ruijter uitgezonden om de Barbarijsche zeeroovers +te tuchtigen en nog in 1816 bombardeerde een Engelsch-Nederlandsche +vloot, onder bevel der admiraals Lord Exmouth en van de Capellen, +de stad Algiers naar aanleiding van zeerooverij. + +Eerst in 1830 kwam aan dit schreeuwende misbruik een einde door +de verovering van de stad Algiers door de Franschen onder generaal +Bourmont. Tevens bezetten zij de naaste omgeving der stad. + +Maar eerst in 1857 werd de verovering van het geheele land tot aan +de grenzen der Sahara door maarschalk Randon voltooid. + +Algerië, verdeeld in 3 provincies, Algiers, Constantine en Oran +met gelijknamige hoofdsteden, is thans geheel een Fransche kolonie +met Fransch bestuur, Fransche wetten en rechtspraak en Fransch +bezettingsleger. Tunis is protectoraat. Na herhaalde expedities en +verschillende moeilijkheden met den Bey, kwam in 1881 het tractaat +van Kasr-Saïd of van Bardo tot stand, waardoor aan de autocratische +macht van dezen een einde kwam. De Fransche regeering verkreeg +het diplomatieke en militaire bewind, benevens de controle over +administratie en financiën. De Bey bleef souverein en regeert in +overleg met een gevolmachtigd Fransch minister, die te Tunis resideert; +bovendien ontvangt hij van het Fransche gouvernement een jaarlijksche +toelage van 1.200.000 frs. + +De Franschen, die in Tunis wonen, zijn vnl. burgerlijke ambtenaren, +militairen en kooplieden. Het grootste deel er van, ongeveer 10.000 +wonen in de stad Tunis, waar dus de Muselmannen met hun aantal van +65.000 inwoners verre de meerderheid hebben. Daarom vindt men aldaar +nog het Arabische leven en drijven in al zijn oorspronkelijkheid en +heeft de stad voor den toerist vele en belangwekkende eigenaardigheden, +die hij in Algerië te vergeefs zou zoeken. Algiers, Constantine, +Oran en verreweg de meeste kustplaatsen hebben hun oorspronkelijk +cachet grootendeels verloren, zijn bijna geheel Europeesche steden +geworden. De Arabier schijnt hier eerder vreemdeling dan inboorling te +zijn. Tunis daarentegen is gebleven wat de Arabieren het gaarne noemen: +"de bloem van het Oosten." + +Het was het eerste doel van onze reis. + + + + + +Mogen sommige bewoners van Noordelijke streken de reis naar +Afrika's Noordkust bedenkelijk ver vinden, met de Franschen is dit +niet het geval. "l'Algérie c'est la France," zeggen zij. Trouwens +zij zijn ook dichter bij, al bedraagt dit niet veel meer dan een +halven dag sporens. Van uit Parijs bereikt men met den sneltrein in +korten tijd Marseille, van waar goed ingerichte booten der Compagnie +Transatlantique, die ook op Amerika varen, den reiziger in anderhalven +dag over de blauwe watervlakte naar Tunis brengen. + +Er is veel waarheid in het gezegde van Professor Martins: "ce n'est pas +la mer, c'est le mal de mer, qui sépare la France de l'Algérie". Maar +men moet de kans van zeeziekte loopen. Hij die op reis tegen eenige +moeite en ontbering opziet, blijve liever thuis. Wij troffen het +echter bijzonder voor de maand Maart, die gewoonlijk nog al ruw is en +volbrachten den overtocht met prachtig stil weer en een schitterende +zon. Een verrukkelijk gezicht was het, toen onze boot, de _Ville de +Naples_, na het verlaten der haven van Marseille de rotsachtige kust +met haar vele eilandjes al verder en verder achter zich liet. Daar +de weg door de grootste breedte der Middellandsche zee ging, kwam +men weinig vaartuigen tegen, slechts enkele visschersbooten en +eenige kleine koopvaarders. Nog waren de kusten van Sardinië niet +geheel verdwenen, of reeds kwam de Afrikaansche kust in 't gezicht, +bergachtig, met vele eilandjes, en als evenzooveel voorposten van het +Mohammedanisme zagen wij hier en daar op de heuvels zich verheffen +de gekoepelde, witgepleisterde graven van verscheidene Marabouts +(priesters) tot de zon onder de onbenevelde kim dook en de lichten van +Tunis ons tegemoet flikkerden. Nog meer dan een uur moest de boot door +het Canal de la Goulette, een uitgediepte geul in de ondiepe golf van +Tunis varen, voor de aanlegplaats bereikt werd. Het ontschepen ging +lang niet zoo spoedig en kalm als het inschepen. Want voor de boot +goed vastgemeerd lag, kwamen reeds in verscheidene bootjes de echte, +onvervalschte afstammelingen der vroeger zoo beruchte zeeroovers +van Tunis opzetten, de witte of gekleurde tulband of de helroode +fez scherp afstekend tegen het donkerbruine gelaat. Er waren echte +galgentronies onder, die duidelijk den stempel der herediteit droegen +en zij waren brutaal als de beul. Spoedig krioelde het op het dek van +allerlei bruine kerels, die op de wijze hunner vroede voorvaderen +de boot geënterd hadden en aan boord geklauterd waren. Kortom +echt zeerooversgespuis, hetwelk den passagiers zijn diensten als +pakjesdragers en gidsen aanbood. Met Argusoogen werd de longroom èn de +bagage door den hofmeester en de bedienden bewaakt. Bij het aan land +gaan begon het ongeluk eerst recht. Want nauwelijks de loopplank over, +werden wij omringd door een zestal Arabieren, mannen en jongens, die +zich, luid schreeuwende, van onze bagage trachtten meester te maken +om ze te dragen. Eenmaal afgegeven, zouden wij er waarschijnlijk +nooit veel van terug gezien hebben. + +Dat krioelde om ons heen, trok aan onze bagage en kleederen, kroop +tusschen beenen en armen door en schreeuwde ons toe in een natuurlijk +onverstaanbaar Arabisch. Zoo goed als wij konden verweerden wij ons +tegen de aanvallers tot een Turco, een tolsoldaat, en de gids-tolk van +het hôtel waar wij kamers hadden besproken, ons van hen verlosten. De +laatste bracht ons naar de omnibus, waarmede wij spoedig ons hôtel +bereikten. + +Dit was gelegen in het zoogenaamde quartier Franc, dat eerst dagteekent +van de laatste 20 jaren en de verbinding vormt tusschen de haven en de +eigenlijke oude stad Tunis. Voornamelijk wordt die verbinding gevormd +door de Avenue de la Marine en de Avenue de France, prachtige breede +straten, waarop verschillende zijstraten uitmonden. De reiziger staat +er over versteld, welk een groote verandering de Franschen in nog +geen 20 jaar in de stad gebracht hebben. + +Aanvankelijk zou men denken, in een welvarende Fransche stad te +zijn. Electrische trams onderhouden het verkeer, elektrisch licht +zorgt voor de verlichting, terwijl de reinheid der straten niets te +wenschen overlaat. + +In de Fransche wijk wonen de Europeanen en bevinden zich de voornaamste +Europeesche gebouwen, zooals het theater, de kathedraal, het paleis +van den Franschen minister-resident, de voornaamste winkels en hôtels. + +Het hôtel, waar wij onzen intrek genomen hadden, gelegen in de Avenue +de France, bevond zich in de onmiddellijke nabijheid der Porte de +France, die toegang verleende tot de Arabische stad. Deze bestaat uit +drie deelen, nl. de middenstad, cité of Medina, die zich aansluit +aan het quartier Franc, en twee buitenwijken, een ten N. de Rebat +bab-el-souika en een ten Z. de Rebat bab-ed-djazira, (rebat-wijk en +bab-poort). De Medina is de voornaamste. Want in deze bevinden zich +de beroemde Souks, de bazars of markthallen. Deze bezochten wij den +dag na onze aankomst het eerst onder geleide van een gids-tolk, een +Tunesiër van geboorte, die echter de schilderachtige Arabische kleedij +voor de gemakkelijker Europeesche verwisseld had. Wil men Tunis en +speciaal het volksleven goed zien, dan is zoo'n persoon onmisbaar. + +Met behulp van een papieren gids kan men slechts de voornaamste +merkwaardigheden uitvinden; wie meer wil zien, is in de grootste +verlegenheid, daar hij de landstaal, het Arabisch, verstaat noch +spreekt. De tolk weet echter alles, wat noodig is, zooals: waar men +te voet en met een rijtuig heen moet, tot wien men zich wenden moet +om deze of gene merkwaardigheid te zien, hij weet den weg door den +doolhof van nauwe straten en stegen, weet wat alles kost (behoudens de +noodige provisie voor hem zelf) en laat ons meermalen merkwaardigheden +zien, die men alleen nooit ontdekt zou hebben. De besparing in tijd, +moeite en kosten wegen ruimschoots op tegen het matige daggeld, +dat hij vraagt. + +Zoodra wij door de Porte de France de Souks binnengetreden waren, viel +ons op, dat wij ons in een zeer oud stadsgedeelte bevonden. Nauwe +kronkelende straatjes en steegjes, te zamen één groot doolhof +vormend, waar men zonder gids deugdelijk in verdwalen kon, nu eens +uitloopend op een klein pleintje, dan weer doodloopend in een donker +gangetje. Somtijds moest men vrij steile trappen op, dan weer daalde +de straat zeer sterk. + +Een liefhebber van oude gebouwen, van schilderachtige kijkjes en +verrassende eigenaardigheden kon op deze wandeling veel genieten. Naast +armoedige krotten verhieven de woningen van rijke Arabieren trotsch en +ongenaakbaar hun platte daken, de groote deuren van massief cederhout +dikwijls met ijzer- of koperwerk versierd, de ramen van onder- en +bovenverdieping van stevig en kunstig traliewerk voorzien, opdat +vrouwen en meisjes goed bewaard mochten zijn. + +Sommige huizen zijn van balcons voorzien, die dikwijls zóóver +uitsteken, dat de bovenste verdiepingen der aan beide kanten der straat +staande huizen elkander aanraken. Dikwijls zijn de bazars overwelfd, +het gewelf gesteund door slanke Moorsche pilaren. Komt men in een +onoverdekte straat, zoo valt de blik op de slanke torens der moskeeën, +die ijl in de lucht stijgend, een schilderachtigen aanblik bieden en +het geheel als 't ware beheerschen. Vooral de Djama-ez-Zitouna, de +groote moskee, verrukt het oog door haar slanke vormen en kunstig op +de muren _en relief_ aangebracht complex van miniatuurbogen. Ofschoon +hobbelig geplaveid, viel de reinheid der straten ons erg mede, hoewel +men er niet tegen op moest zien af en toe een doode hond of kat te +ontmoeten, die zoo maar neergeworpen was. In die bazars wordt van +'s morgens vroeg tot laat in den middag levendige handel gedreven. De +verschillende kooplieden hebben er, met uitzondering van eenige zeer +rijke, slechts kleine winkeltjes, sommige slechts eenige M_2_ groot, +waar zij, in 't halfduister neergehurkt, hun waren uitstallen. Eenige +wachten met Mohammedaansch fatalisme af, of er een kooper komt opdagen, +anderen prijzen luid schreeuwend hun waar aan, loopen een eind met u +mede, en zijn niet van u af te slaan. Elk artikel en handwerk heeft +zijn vaste bazar. Een geur van rozen, geranium of wierook verraadt, +dat men in de Souk der parfums is; de lucht van leer, dat men zich +in die der leerlooiers bevindt. Prachtige uitstallingen van zijde +en fluweel, kunstig met goud en zilver geborduurd, afgewisseld +met lange fijne burnous en helroode fezs, wijzen er op, dat men +de duurste wijk, die der voortbrengselen om welke Tunis beroemd is +nadert en dat het zaak is, zijn kooplust te bedwingen. In een andere +bazar weer worden kunstig bewerkte koperen voorwerpen en geciseleerde +wapenen verkocht of kan men het hart ophalen aan de vruchten van het +Zuiden. Timmerlieden, schoenmakers, schrijnwerkers en kleermakers, +allen hebben hier hun vaste wijk en standplaats. En tusschen al die +uitstallingen beweegt zich de bontste menigte, die men zich denken +kan. Rijke, gezette Arabieren in prachtige gewaden, zich ten volle +bewust van het gewicht hunner persoonlijkheid, met glanzend witte +burnous, wisselen af met bedelaars in lompen gehuld. Jonge mannen, +krachtig en slank gebouwd, met fijn besneden gezichten en sprekende +oogen, prachtige typen van het Arabische ras en donkerbruine Mooren met +trotschen en fanatieken blik en zwarten baard; pikzwarte negers, echte +knechtjes van St. Nicolaas, zich statig in een burnou van het grofste +zakkenlinnen hullend, op het hoofd een fez, die eens rood was, maar nu +meer op hun gelaatskleur lijkt, als eerste dandys een sigaret rookend +of luidkeels lachend met een mond tot aan de ooren en dikke lippen, +terwijl de hagelwitte tanden zichtbaar worden; Arabische vrouwen, +zich schuchter het gelaat bedekkend, de arme en onbemiddelde met +een slip van haar kleed, de rijke zich hullend in een lange kostbare +shawl van fijne, doorschijnende zijde--dit zijn de typen, die men het +meest tegenkomt. Niet alle vrouwen zijn echter gesluierd, slechts de +Arabische, maar de Joodsche niet. Voor 't overige hebben deze geheel +de Arabische kleeding overgenomen, ook de houten pantoffels met zeer +hooge hakken, waarop de vrouwen hier als 't ware loopen te balanceeren. + +Vroolijk komen hier en daar de kleurige uniformen der Fransche +soldaten, vooral die der zouaven uit, met hun wijde roode broeken +en blauwe korte jassen, de fez met de bengelende kwast op een oor, +geheel het beeld van "vive la bagatelle". Hier en daar ziet men +een bruingebranden Bedouïn uit de woestijn voortschrijden met +onderzoekenden blik, het lange geweer aan den bandelier over den +schouder. Kleine meisjes en aardige jongens met groote verwonderde +kijkers loopen overal door het gewoel, dat somtijds zoo dicht is, +dat men er zich met de ellebogen door heen moet wringen, en vragen u +onophoudelijk om sous. Jongens en mannen op ezels laten u aanhoudend +uitwijken, want langoor wordt hier niet gespaard, maar eigenlijk +afgebeuld. Ook kameelen bezoeken de bazars, en somtijds liggen zij in +rijen van 10 of meer uit te rusten van hun tocht uit de binnenlanden, +van waar zij houtskool, dadels en andere voortbrengselen naar de +hoofdstad brengen. Daarbij is het dikwijls een geschreeuw, dat men +elkander niet verstaan kan, kooplieden, die hun waren aanprijzen, +koopers, die afdingen, druk redeneerende en gesticuleerende Arabieren +en Mooren. Kortom het is een tooneel vol Oostersche levendigheid +en Oostersche kleurenpracht, dat door zijn bontheid en telkens +afwisselende indrukken, mede door de bekoring van het nieuwe, den +vreemdeling van het Westen ten zeerste boeit en verrukt. + + + + + +Hoewel de Bey van Tunis in de hoofdstad een paleis heeft, Dar-el-Bey +(huis van den Bey) genaamd, houdt hij daar zelden verblijf. Hij +vertoeft er slechts voor regeeringszaken en bewoont liever het +schoone buitenverblijf Kasr-Saïd of El-Bardo, in de nabijheid van +Tunis. Geregeld eens per maand komt hij in de hoofdstad om in den +voorhof van zijn paleis in hoogste instantie recht te spreken. Dit +gebeurde juist eenige dagen na onze aankomst, en hiervan tijdig door +onzen gids verwittigd, maakten wij aanstalten van zijnen intocht +getuigen te zijn. Reeds te half acht begaven wij ons daartoe naar het +plein van de Kasba (de burcht), waar ook het paleis gelegen is en waren +getuige van de aankomst der verschillende hoogwaardigheidsbekleeders +van den Bey. Militaire en burgerlijke autoriteiten, allen het hoofd +bedekt met de onvermijdelijke fez, stelden zich bij de poort op, +velen versierd met de orde der Beys, de Nicham-Iftikhar. Beambten van +gelijken rang begroetten elkander plechtig met een kus op elke wang; de +jongeren de ouderen met eerbiedigen handkus. Na eenigen tijd wachtens +kondigden eenige Fransche officieren van de Chasseurs d'Afrique, +als ordonnansen, de komst van den Bey aan. Weldra kwam een afdeeling +cavalerie in Turksche uniformen, op kleine vlugge paarden, wit van +het stof, aandraven, daarop volgden eenige rijtuigen met hofbeambten +en ten slotte de Bey zelf in een à la daumont gereden rijtuig met 6 +muilezels. Bij 't uitstappen vertoonde hij zich een oogenblik. Een man +van middelbare lengte, met korten grijzen baard, geelachtig, streng +gelaat en ernstige sombere oogen. Er wordt van hem verteld, dat hij +nooit lacht. Niet onwaarschijnlijk, zoo men de gebeurtenissen der +laatste jaren in aanmerking neemt. Na de Fransche bezetting toch is +het met de onbeperkte heerschappij van den Bey voor goed gedaan. Reden +genoeg voor een Oostersch despoot om over te treuren. + +Wie zich wel degelijk nog in 't bezit van hun onbeperkte heerschappij +mogen verheugen, al is het dan maar over redelooze dieren, zijn +de Arabische slangenbezweerders, die nog steeds de giftigste +exemplaren van het, den menschen zoo weinig sympathieke ras, in +letterlijken zin, naar hun pijpen laten dansen. Ongeveer eens om +de 14 dagen kan men te Tunis een dergelijke vertooning bijwonen, +die gegeven wordt door een derwisch, een soort van armen priester of +monnik uit de binnenlanden. Het is in zekeren zin een godsdienstige +plechtigheid. Maar dan toch zeker een van een weinig ernstig en meer +vroolijk karakter, want het in grooten getale toegestroomde publiek +vermaakt zich er goed bij. Voor den vreemdeling gaat natuurlijk +de godsdienstige beteekenis door onbekendheid met Arabische taal +en Mohammedaansche gebruiken verloren; hij beschouwt het als een +kermis-voorstelling, een merkwaardig schouwspel, nl. om de groote +moreele kracht, die de mensch op de dieren kan uitoefenen. De +voorstelling heeft plaats in de open lucht, meestal op een plein +voor een Arabisch café, waarvan het in Tunis krioelt. Deze keer op +het plein Halfoüin. + +Hier worden in de maand Ramadan, die der vasten, de groote Arabische +feesten gevierd. In gewone tijden is het de plaats van samenkomst van +Arabieren uit alle standen. Men vindt er dan ook vele koffiehuizen, +zoowel voor Arabieren uit de volksklasse, negers en kleurlingen als +die, welke door de rijken en dandys bezocht worden. Een groote menigte +Arabieren, Mooren en negers, benevens een aantal vreemdelingen had +zich om een opene ruimte in een kring opgesteld. Daar binnen bevond +zich de bezweerder met zijn helpers, een drietal Arabieren, die op +de hurken gezeten, een oorverdoovende muziek maakten. Een bespeelde +een soort van herdersfluit, een tweede een Arabische viool, terwijl +degene die in 't midden zat, uit alle macht met duim en handpalm op +een groote tamboerijn trommelde. Deze laatste beantwoordde ook de +vragen, die de derwisch telkens tot hem richtte. Deze, donkerbruin, +forsch gebouwd en toch lenig, met katachtige snelle bewegingen, de +donkere schitterende oogen onophoudelijk in beweging, het beenige +gezicht met een dun baardje omgeven, het geschoren hoofd slechts op +de kruin bedekt met een ruigen, zwarten scalplok, geleek veel op een +der fanatieke krijgslieden van den Mahdi, die in een wit kleed en +met een breed zwaard in de vuist op de Engelsche carré's losstormden, +een wissen dood tegemoet. De voorstelling, die tamelijk lang duurde, +had in 't kort 't volgende verloop: Uit een der bruinlederen zakken, +die hij bij zich had, haalde de derwisch een zeer vergiftige slang +ter lengte van ongeveer een M., licht bruin van kleur en aan den buik +voorzien van gele ringen, de naâdja of slang van Cleopatra, door de +Arabieren Bouftira genoemd. Deze schijnbaar levenlooze slang legde hij +op een kleedje, iets grooter dan een M_2_. neer. Daarop danste hij, +op een klein herdersfluitje blazend, om haar heen, tot zij hoe langer +hoe levendiger werd en zich eindelijk met een schok oprichtend, met +de kleinste helft van haar lichaam op het kleedje overeind kwam te +staan. In die houding danste de slang nu, op de maat van de muziek, +steeds met den derwisch mede; bewoog hij zich naar rechts of links, zoo +deed zij 't zelfde. Het opmerkelijkste daarbij was, dat zij het kleedje +niet verliet en, ofschoon zij door al het gesar van den bezweerder +tot de hoogste woede geprikkeld was, er niet aan dacht, iemand aan te +vallen. De derwisch, die weldra droop van 't zweet, was voortdurend +in beweging, dansend en springend, lachte onophoudelijk met breeden +mond, hevig gesticuleerend, nu eens tot de omstanders of den man met +de tamboerijn vragen richtend, welke met toestemmend geschreeuw of +gelach beantwoord werden, dan weer de armen zwaaiend of ten hemel +heffend, luide gebeden tot Allah of den een of anderen heilige +opzendende. Vooral voor Ab-del-Kader, den bekenden vrijheidsheld, +scheen hij groote vereering te gevoelen, want herhaaldelijk riep hij +hem aan. Zooals de meeste Oostersche voorstellingen en plechtigheden, +werd ook deze ten laatste eentonig. Wij verlieten het plein om ons +naar het gerechtsgebouw te begeven, met het doel daar een nieuwen +kijk op het Tunesische leven te krijgen. + +Zooals reeds vermeld, heeft de Fransche regeering aan de Arabieren in +Tunis hun eigen rechtspraak gelaten. Een zeer wijze maatregel, die haar +eindelooze moeilijkheden en wrijvingen met de inboorlingen bespaart. De +Arabier wordt dus gevonnist door zijn eigen rechter of raëse. + +Op verzoek zijn de zittingen ook toegankelijk voor vreemdelingen, +die hier gelegenheid hebben menig tafereel van echt oorspronkelijk +Arabisch leven te zien. De gids-tolk stelde ons hiertoe gemakkelijk +in de gelegenheid. Toen wij het gerechtsgebouw, waar gevallen van +echtscheiding en andere civiele zaken behandeld werden, binnentraden, +bevonden wij ons op een ruime binnenplaats, omringd door een +zuilengaanderij en aan de kanten voorzien van steenen banken. Daarop +hadden aan de eene zijde plaats genomen een aantal dicht gesluierde +vrouwen in 't zwart gekleed, die zich over haar echtgenooten te +beklagen hadden en zich wilden laten scheiden, aan den anderen kant +de echtgenooten dier dames, allen wachtend tot zij opgeroepen zouden +worden, om beurtelings voor den rechter te verschijnen. Aan den +ingang der gerechtszaal, die op de eerste verdieping was, stond een +zeer zwaarlijvige gendarme in een blauwe uniform op wacht, die ons, +na een kort onderhoud met den gids, welwillend binnen liet en voor +den rechter leidde, dien hij het verzoek overbracht om een zitting +te mogen bijwonen. Beleefd beantwoordde de magistraat onze buiging, +heette ons met een vriendelijken glimlach welkom en noodigde ons uit, +dicht bij hem plaats te nemen aan den kant der toehoorders. + +Daartegenover zaten in een bonte groep de getuigen. Nadat de +woordvoerder van ons gezelschap den rechter bedankt en zijne vreugde +te kennen gegeven had, dat wij als vreemdelingen mochten kennis +maken met de Arabische wijsheid, van ouds beroemd uit de tijden +van Kalief-Harun-al-Raschid, namen wij plaats en de zitting werd +voortgezet. + +Een sprekende kop die rechter, met beschaafde vormen en schitterende, +doordringende oogen, waarvoor de beklaagden bijzonder veel ontzag +hadden. Geschoeid met gele pantoffels, het witte gewaad met een langen, +lichtbruinen gendorah (opperkleed) bedekt, droeg hij aan een zijner +vingers een ring met smaragd, als teeken zijner waardigheid. Hij +was gezeten aan een met allerlei papieren bedekte tafel, waarvoor +de beklaagden en getuigen zich plaatsten om hun relaas te doen. Wij +woonden eenige zaakjes bij, waarvan de gids ons de toedracht vertelde +en kregen eenige zeer ongure schelmengezichten te zien. Allen zonder +onderscheid hadden echter grooten eerbied voor den rechter. Met +een diepe buiging, de armen over de borst gekruist, naderden zij +hem en hieven deze onder 't spreken tot aan de schouders op, de +handpalmen vlak naar hem toegekeerd. Met zachte stem begonnen, werd +hun spreeklust hun al spoedig te machtig; al radder ging hun tong, +al luider werd hun stem en zelfs de eerbied voor den rechter kon hun +woordenvloed niet stuiten. + +Zij lieten dezen zelfs niet uitspreken en vielen hem herhaaldelijk +pardoes in de rede, zoodat een tweede, insgelijks zeer welgedane +gerechtsdienaar hun herhaaldelijk de zware hand op den schouder +moest leggen en hun een gebiedend "barka, barka" (genoeg, genoeg) +toeroepen. Deze had zelfs moeite hen de zaal uit te krijgen, nadat hun +vonnis uitgesproken was. De raëse hoorde alles met Mohammedaansche +kalmte aan, zeide van tijd tot tijd een enkel woord, stelde een +enkele vraag, terwijl hij den spreker doordringend aanzag of volgens +de rozenkrans, die hij in de hand hield, den grooten profeet bad, +hem wijsheid te geven. Hij had blijkbaar de zaken grondig bestudeerd +en sprak kort recht. Zoo kreeg een Arabier wegens mishandeling 5 +maanden gevangenis; een Arabische vrouw, die kamers verhuurde en hare +huurster, die één termijn vooruit betalen moest en dit gedaan had, +daarop terstond haar huis uit gezet had, 2 maanden; een jongmensch, +die wijn gedronken had, moest dit met 5 dagen opsluiting boeten, een +bewijs dat in Tunis aan de wet van den Koran streng de hand gehouden +wordt, hetgeen in Algerië niet zoozeer 't geval is. De vrouwen waren +het breedsprakigst en drukst en moesten door den gendarme nog veel meer +tot de orde geroepen worden dan de mannen. Eenige dagen later woonden +wij ook een zitting voor strafzaken bij, waar dezelfde rechter als de +hierbovenvermelde de rechtbank presideerde. Een eivolle zaal, een lange +rij beschuldigden, een menigte getuigen. Een viertal advokaten voerden +het woord, waar wij natuurlijk niets van begrepen; echter bleek uit +'t vuur, waarmede zij spraken, dat zij de zaak hunner cliënten wel +ter harte namen. + +De vreemdeling, die eenigen tijd te Tunis verblijft, komt herhaaldelijk +in de Souks, want telkens en telkens weer wordt hij aangetrokken +door het bonte, opgewekte, oorspronkelijke volksleven, dat hij daar +aantreft. Bij die herhaalde bezoeken is het af en toe betreden van een +winkelmagazijn moeilijk te vermijden, zelfs al bestaat daartegen bij +hem principiëel bezwaar, hetgeen meestal niet het geval is. Integendeel +de kooper is meestal maar al te gewillig, en vrienden en verwanten in +'t vaderland willen ook wel bedacht zijn. + +Ook ontbreekt het niet aan uitnoodigingen en aanmoedigingen van de +zijde der winkeliers om binnen te treden. Reeds aan de deur, zelfs +op de straat, noodigen ze u met vele plichtplegingen en buigingen als +knipmessen daartoe uit. De argelooze vreemdeling, die toestemt, treedt +in het hol van den leeuw, een leeuw met fluweelen pootjes. Vriendelijk +wordt hij uitgenoodigd plaats te nemen en op de kennismaking een +geurig kopje Arabische koffie, echte Mokka, in kleine porceleinen +kopjes voorgediend, te drinken. Dit mag men niet weigeren, want het +is een bewijs van gastvrijheid. Bovendien gelooven de winkeliers, +dat het hun geluk aanbrengt, want zij zijn zeer bijgeloovig en zouden +zich door een weigering beleedigd gevoelen. + +Middelerwijl stallen de bedienden allerlei fraaie voorwerpen voor +u uit en wordt men door den winkelier overladen met de vleiendste +opmerkingen over zich zelf, zijn land en volk en met verzekeringen, +dat hij zich zoo vereerd gevoelt door uw bezoek. Al die poes-lievigheid +is echter maar schijn. Want in werkelijkheid is hij er slechts op +uit, u zooveel mogelijk af te zetten. De voorwerpen in de Tunesische +winkels zijn niet vast geprijsd, de verkoopers vragen een buitensporig +hoogen prijs. Vandaar een loven en bieden zonder eind, waarbij de +vreemdeling gewoonlijk aan 't kortste eind trekt. Zelfs al krijgt +hij de voorwerpen voor een 3_de_ of 4_de_ van den gevraagden prijs, +hetgeen geen zeldzaamheid is, dan is hij nog bekocht. Zelfs gebeurde +het ons eens, dat wij een kleedje voor een zesde van den gevraagden +prijs behielden. + +Kortom, het is de grofste afzetterij. De fraaiste winkels zijn die +der zijdewevers en zijdeborduurders, die de artikelen vervaardigen, +waar Tunis beroemd om is en die het in groote hoeveelheid uitvoert. Men +vindt deze in "de Souk des Femmes", waar voor 40 jaar nog slavenhandel +gedreven werd, en de prachtige magazijnen van Boccara père et fils en +van Barbouchi gelegen zijn. Men vindt daar inderdaad een rijkdom van +zijde en fluweel, shawls en doorzichtige sluiers, kleeden en kleedjes +van damast, waarvan de randen met gouden of zilveren lovertjes en +bloemen omzoomd zijn, in de fijnste, afwisselendste en teederste +kleuren. Als een stuk van groote waarde toonde men ons een lange +looper uit den tijd van Lodewijk XIV, geheel stijf van zilver en met +gouden bloemtrossen ingelegd. + +In andere winkels ziet men weer verschillende wapenen van allerlei +vorm en afmetingen, met zilver en ivoor ingelegd of zwaar met koper +beslagen; de sabels en dolken rijk gedamascineerd. Evenmin ontbreken +rijke uitstallingen van lederwerk en met fijne figuren geïncrusteerd +koper. Een belangrijk artikel van uitvoer zijn ook de parfumerieën +en aetherische oliën, die volgens oude Oostersche gewoonte meestal +bereid worden door de vrouwen uit den harem van den gegoeden parfumeur. + +Niet alleen door haar bonte verscheidenheid van bevolking, +door haar eigenaardige zeden en gewoonten biedt de stad Tunis den +vreemdeling veel bezienswaardigs, maar ook hare omstreken hebben groote +aantrekkelijkheid en verlokken tot menig heerlijk uitstapje. Daartoe +moet men zich steeds op eenigen afstand van de stad begeven. + +In de naaste omgeving is er alleen het stadspark "le Belveder" met zijn +statig wuivende palmen en groene Oostersche gewassen, waar inwoner en +vreemdeling eenige koelte en schaduw kunnen vinden. Overigens is de +omgeving nagenoeg boomloos, vooral des zomers een groot nadeel. Want in +Tunis, dat evenals Algiers het klimaat der Regio Mediterranee heeft, +kan het afmattend heet zijn. Reeds in Maart is het er in den middag +als bij ons in Augustus, en midden in den zomer kunnen de bewoners +alleen aan de zeekust eenige koelte vinden. + +De winters, voor zoover zij dien naam verdienen, zijn in Tunis +zeer zacht. Sneeuw kent men er niet dan bij overlevering; 't laatst +had men die in 1883 gezien. Tegen zonsondergang komt echter meest +de koude N. wind, de mistral opzetten, waartegen de reiziger zich +steeds met mantel en shawl moet wapenen. Als de verzengende Sirocco, +de heete woestijnwind blaast, kan men nauwelijks ademhalen. Soms +bereikte deze 40° Celsius, zoodat de streek waar zijn verzengende +adem overheen gegaan is, als 't ware verbrand ter neder ligt. Ook de +Bey vertoeft niet geregeld in Tunis, maar heeft zijn residentie in +de nabijheid, het paleis het Bardo. Dit gebouw, waaraan verbonden is +het oudheidkundig museum Aloüi, is wel een bezoek waard. + +Een monumentale leeuwentrap voert naar een rijkversierde vestibule, +die toegang tot de verschillende zalen verleent. Onder deze zijn het +opmerkelijkst de groote receptiezaal, waar de feesten aan het corps +diplomatique gegeven worden, benevens de troonzaal, die aan de wanden +versierd is met twee rijen rijk vergulde pendules uit verschillende +tijdperken; op consoles; dit laatste meer rijk dan smaakvol. + +Verder kan de reiziger te Manouba de overblijfselen van de grootsche +waterleiding voor Carthago bewonderen, de ruïnen van Utica, de +havenwerken van Bizerta of de badplaats Hammam-El-Lif bezoeken. + +Vóór alles zal hij echter naar een plaats gaan, waarheen de stemmen +uit het verleden hem met onweerstaanbare kracht geroepen hebben. Geen +vreemdeling, al vertoeft hij nog zoo kort te Tunis, kan nalaten de +ruïnen van Carthago te bezoeken. Hoe worden echter zijn verwachtingen +omtrent hetgeen hij te zien zal krijgen teleurgesteld, zoo hij niet van +te voren ingelicht is! Want van de eenmaal zoo bloeiende en trotsche +hoofdstad der Karthagers, eertijds de koningin der Middellandsche zee, +is bedroefd weinig meer over. Wel is de vloek van den meedoogenloozen +Cato: "delenda est Carthago!" in vervulling gegaan. Niet eenmaal, +maar drie keer is de stad grondig verwoest. Na de Romeinen kwamen de +Vandalen, daarna de Arabieren. De laatsten vooral hielden deerlijk +huis; hun dolzinnig fanatisme wilde elk spoor van de toenmaals +christelijke stad met wortel en tak uitroeien. Geen steen werd op +den anderen gelaten, alles kort en klein geslagen. De tocht naar +Carthago is een verrukkelijke rit langs de ondiepe golf van Tunis, +Bahira geheeten. + +De onafzienbare zee verkwikt het oog door hare tallooze wisselende +tinten van donker- en helderblauw tot smaragd-groen en lichtgrijs. Het +strand wordt verlevendigd door groote troepen reigers, flamingo's en +andere zeevogels, die nu eens onbeweeglijk op een hunner lange pooten +om zich heen staan te zien, dan weer onder krijschend geschreeuw +hoog in de lucht opvliegen. Verblindend schitteren de witte huizen, +slanke torens en gekoepelde daken van het verdwijnende Tunis in 't +felle zonlicht. Het schiereiland, waarop de bouwvallen van Karthago +gelegen zijn, verheft zich vrij steil uit zee. Het hoogste punt vormt +het terrein, waar vroeger de sterke burcht van Karthago, de Byrsa, +gelegen was. Op den top van dien heuvel is het museum, waar alles +verzameld is, wat aan de verwoesting geheel of gedeeltelijk ontkomen +en door ijverige opgravingen aan 't licht gebracht is. Het zijn de +zoogen. Pères Blancs, die zich hiermede bezig houden, in opdracht +van kardinaal Lavigerie. Deze ijverige priester-zendeling, die van +de Fransche regeering voor ongeveer 25 jaar verlof kreeg, bij de +bouwvallen van Karthago een kathedraal te bouwen, gaf aan de monniken +last, nevens hun godsdienstige plichten het werk der opgravingen met +kracht ter hand te nemen. Dit leverde de beste resultaten op. Het +museum is verdeeld in drie afdeelingen: voorwerpen uit den Punischen +tijd, die uit den tijd van Romeinsch-Karthago, en ten slotte hetgeen +er uit de Christelijke periode overgebleven is. Die uit de eerste +periode zijn het meest bezienswaardig. Daaronder treft men menig +fraai voorwerp aan, dat door eigenaardigen, dikwijls grilligen vorm +en bewerking verraadt, dat in den Punischen voortijd Phoenicische en +Oostersche invloeden zich in de kunst sterk deden gelden. + +De bouwvallen van Karthago zijn voor de Fransche pelgrims een +bedevaartplaats, daar er een kapel gebouwd is ter herinnering aan +Lodewijk den Heilige, die hier op den 7_den_ Kruistocht, te midden van +zijn leger, door de pest werd weggerukt. Hoog boven dit bescheiden +monument verheft zich een gebouw uit later tijd, eveneens aan hem +gewijd, de basilica of kathedraal van Lodewijk den Heiligen. Fier +en statig rijst zij met hare vier gekoepelde witte torens in de +wolkenlooze lucht omhoog, en het kruis op den top weerspiegelt +zich in de blauwe golven aan haren voet, zoo vredig en kalm, alsof +die zee nooit iets anders, nimmer de verschrikkingen van oorlog en +verwoesting aanschouwd had. Moge dit voortaan zoo blijven en Tunis +en haar omgeving onder Fransch gezag een tijdperk van ongestoorden +bloei en ontwikkeling deelachtig worden. + + + + + +Sedert de vestiging van het Fransche protectoraat in Tunis, zijn +de verkeerswegen aldaar enorm verbeterd. Dit geldt zoowel van de +straatwegen als wat betreft den aanleg van spoor- en tramwegen. Door +de stad Tunis snorren de electrische trams en meer en meer breidt +het spoorwegnet op het platte land zich uit. De hoofdlijnen +zijn aangesloten bij de Algiersche lijnen. De maatschappijen, wel +inziende hoe bevorderlijk een goede inrichting voor de toename van 't +vreemdelingenverkeer is, nemen dit zeer ter harte, zoodat men in Tunis +en Algiers even goed en even geriefelijk, ja soms nog beter reist dan +in Frankrijk en in sommige streken van Europa. De hoofdlijn loopt van +'t Oosten naar 't Westen en verbindt de voornaamste plaatsen, o.a. de +hoofdplaatsen der provincies. Deze liggen ver van elkander af, en daar +de treinen overal ophouden, zijn de trajecten lang. Meestal rijdt er +slechts een per dag. Vroeg begonnen, eindigt de reis eerst 's avonds +of in den nacht. Soms is er gelegenheid in den trein te dineeren, +zoo niet, dan wordt deze op bepaalde haltestations opengesteld, +na voorafgegane bekendmaking. Men ziet, alles evenals in Europa. Al +duurt de reis wat lang, zoo behoeft de reiziger zich niet te vervelen, +want steeds biedt het landschap hem de grootste afwisseling. Meermalen +gaat de weg langs een schilderachtige rivier. Een enkele orographische +opmerking vinde hier haar plaats. Tunis en Algerië worden, wat de +gesteldheid van den bodem betreft, in vier gordels verdeeld. De eerste +gordel, de zoogenaamde Tell, strekt zich langs de zeekust uit en wordt +landwaarts in begrensd door het Atlasgebergte, dat met zijn machtige +keten, van oostelijk Tunis, door geheel Algerië, tot aan de westelijke +grens van Marokko doordringt. De tell is het vruchtbare gedeelte bij +uitnemendheid, waar veel graan en ooft geteeld wordt en de wijnstok +rijke oogsten geeft. Men denke slechts aan den Algierschen wijn, +die ook hier het burgerrecht verkregen heeft en aan de meer dan 40 +millioen sinaasappelen, die Algerië nu reeds uitvoert. De tweede gordel +is de Atlasketen. Daarop volgt de streek der hoogvlakten en steppen, +waar de bodem onvruchtbaar en rotsachtig is, afgewisseld met vele +zoutmeren. Ten slotte de woestijn, de Algerijnsche Sahara, die slechts +een klein deel vormt van de groote woestijn van dien naam. Omdat het +Atlasgebergte nagenoeg evenwijdig met de zee loopt en de waterscheiding +vormt voor de rivieren, die Noordelijk in zee en naar 't Zuiden in de +zoutmeren uitmonden, hebben deze geen langen loop, hetgeen niet in +'t voordeel is van de besproeiing des lands. De voornaamste rivier +van Tunesië is de Medjerda, die van Algerië de Seybouse. De eerste +doorsnijdt Tunis van W. naar O., de tweede ontspringt op den Atlas +en stroomt bij Bône in de zee. De spoorweg van Tunis naar Bône loopt +voor 't grootste deel door de dalen der beide stroomen, waardoor het +natuurschoon langs den weg niet weinig verhoogd wordt. Van tijd tot +tijd vernauwt het dal zich zoo zeer, dat de spoorweg het karakter van +een echte bergbaan aanneemt en men hem met geweld een doortocht door +de rotsen heeft moeten banen. Een ander maal doorsnijdt de spoorbaan +een onafzienbare vlakte, gedeeltelijk met hoog gras bedekt, op andere +plaatsen prijkend met den rijksten kleurenschat der meest verschillende +bloemen. Men zou zich verplaatst wanen in de hyacinthen en tulpenvelden +van Haarlem in 't voorjaar, behalve, dat hier de verscheidenheid van +kleuren grooter, de groepeering minder regelmatig is. Ongekunsteld +schitteren de bloembedden in onvergelijkelijke pracht, zooals de natuur +ze er neergezet heeft. Velden met donkergele goudsbloemen wisselen +af met witte plekken, waar trotsche Aronskelken haar witte hoofden +fier verheffen. Hier wedijveren teeder rose Malva's met helroode +klaprozen, ginds paren zich bescheiden witte madeliefjes met blauwe +convolvulussen in teedere kleurenharmonie. Aan den oever der rivier +wiegen oleanderstruiken hun witte en rose kelken op slanken stengel +heen en weer, schitteren bloesems van perzik- en amandelboomen +tusschen het donkere groen der laurierboomen, of wel het is een +mimosastruik, die, om zijn schoonheid des te meer te doen uitkomen, +niet beëngd door omringend geboomte, zijn volle gele trossen in het +zonlicht laat schitteren en het oog verrukt. Somtijds ook kleine +oerwouden van knoestige steen- en kurkeiken, machtige cederboomen, +donkere cypressen en hoog opgeschoten eucalyptussen, waar alles +verward door elkander staat en met klimplanten omstrengeld is. Ook +levende wezens ziet men langs den weg. Nieuwsgierige inboorlingen in +kleine Arabische dorpen; karavanen met groote en kleine kudden vee, de +eigenaar op een vurigen Arabier voorop; tenten van nomaden, soms niet +veel meer dan lappendekens op palen, waaronder alles, menschen en vee, +eendrachtiglijk te zamen huist. En steeds wordt het geheel omlijst +door de eindelooze, golvende keten der Algerijnsche gebergten, wier +golvingen zoo zacht zijn, dat zij geen horizon schijnen te bezitten. + +Bône, met een bekoorlijke ligging aan zee, bevindt zich in de +onmiddellijke nabijheid van het "massif de l'Edough", een bergketen, +die vrij steil in zee afdaalt en voor 't grootste deel begroeid is +met prachtige bosschen van kurkeiken, een rijke bron van inkomsten +voor de exploiteerende maatschappijen. + +Geheel anders is de ligging van Constantine te midden van een +heuvelland op hooge rotsen. Als hoofdstad van het aloude Numedië, +was het eens de residentie van den krijgshaftigen koning Massinissa, +den bondgenoot van Scipio tegen de Karthagers en getuige van den +fieren dood van Hannibals' dochter Sophonisbe, die als een echte +afstammelinge van den stam der Barciden geen schande verdragen +wilde. Daarna zetelde er de wreede, roofzuchtige Jugurtha, die geheel +Rome omkoopbaar achtte. Zijn geest scheen weer levendig te worden, +nadat de Arabieren zich van de stad hadden meester gemaakt. Ten +minste tot aan de verovering door de Franschen in 1837 was en +bleef het een roofnest van de ergste soort. Hierbij werd de stad +vooral begunstigd door haar eigenaardige ligging. Deze is inderdaad +zeer bijzonder. Van het Oosten loopt het riviertje de Roumel op de +stad toe door een uitgestrekte, vruchtbare vlakte, aan weerskanten +met kalkrotsen omzoomd. Vlak voor de stad stroomt de Roumel door +de groenende pépinière, den botanischen tuin, die elke Algiersche +stad van beteekenis bezit. Plotseling houdt de vlakte op en ziet de +rivier zich den loop versperd door de rotsen, waarop de stad gebouwd +is. Het is een werk van eeuwen geweest, eer zij zich met geweld een +weg daar doorheen gebaand had en hetzelfde geval als met den Rijn +tusschen Coblentz en Bingen. Met dit verschil echter, dat de Roumel +zich slechts een nauwe spleet tusschen de rotsen gewrongen heeft, +die loodrecht oprijzen en op sommige plaatsen een hoogte van meer dan +100 M. bereiken. De stad, die den vorm van een ongelijkbeenig trapezium +heeft, wordt aan twee der langste zijden door de Roumel omgeven, aan de +twee andere zijden door hooge rotsen, met uitzondering van één punt, +van waar zij uit de vlakte toegankelijk is. Een nagenoeg onneembare +ligging dus, uiterst geschikt voor een roofnest. Langs de Roumel, +van de Porte du Diable af, waar zij uit de vlakte komt, tot aan den +waterval, waarmede zij zich weder, na doorbraak der rotsen, in de +vlakte uitstrekt, is een smalle, van een balustrade voorziene weg +gemaakt, "le chemin des touristes". Deze, die volstrekt geen gevaar +oplevert, is interessant en bijzonder mooi. Nu eens is de rivier +slechts enkele meters breed, dan weer verwijdt zij zich als 't ware +tot kleine meertjes; hier is zij kalm, ginds schiet zij schuimend +tusschen grillig opeen gestapelde rotsblokken door. Nu eens stroomt +zij in 't volle daglicht, een andermaal baant zij zich een weg onder +den bodem en vormt indrukwekkende gewelven en wondervolle grotten, +waaruit de puntige rotsmassa's als stalactieten neerhangen. Door de +vele bochten biedt de wandeling de bekoorlijkste en meest afwisselende +gezichtspunten. Aan het einde, dicht bij den waterval, bereiken de +rotsen haar hoogste punt en eindigen in een naakten steilen top. Na +inneming der stad poogde hier een deel der verdedigers zich te redden +door zich met touwen naar beneden te laten zakken. Maar de touwen +braken en vele mannen, ook vrouwen en kinderen, kwamen om in de Roumel. + +Door de ontoegankelijke ligging heeft de verovering den Franschen +veel moeite gekost. Zij geschiedde tijdens een wapenstilstand met +Ab-del-Kader, toen de onderwerping der provincie Constantine ter +hand genomen werd. Een eerste aanval op de stad onder maarschalk +Clauzel mislukte. Het volgend jaar werd een nieuwe expeditie onder +'t opperbevel van den hertog van Nemours en vier generaals uitgezonden. + +De sultan Ahmed-Bey en diens fanatieke Arabieren, steunend op de +onneembare ligging, weigerden hardnekkig elke capitulatie en zonden den +parlementair spottend terug. Na voorafgegane beschieting bestormden de +Franschen met groote dapperheid de stad en maakten zich na een hevig +straatgevecht er van meester. Maar ten koste van groote offers, want +de generaals Damrémont, Perrégaux en Combes sneuvelden. De bey, met +klein gevolg ontvlucht, gaf zich, na eenige jaren den guerilla-oorlog +gevoerd te hebben, over en verbleef als gevangene te Algiers. + +Behalve haar ligging heeft de stad niet veel bijzonders. Er ligt +een groot garnizoen. Met hun kleurige uniformen en de opgewektheid +den Franschen soldaat eigen, brengt het militair veel vroolijkheid +aan. Aanhoudend ziet men troepen door de straten trekken. Nu eens zijn +het chasseurs d'Afrique op hun vurige, kleine Arabische schimmels, dan +weer bruine turco's met de korte blauwe jasjes en dito wijde pofbroeken +of het is een bataillon kranige zouaven, dat voorbij marcheert. Ook +ligt er een kleine afdeeling spahi's, dat keurkorps bij uitnemend, +in garnizoen. Dit zijn Arabieren, die een bijzonder goeden staat +van dienst hebben en gebruikt worden als ordonnansen, estafettes en +lijfwachten van den generaal. Gehuld in hun roode of blauwe mantels, +een breeden tulband op het hoofd, maken zij met hun hooge laarzen +en kromme lange sabels een zeer krijgshaftigen indruk. Men vindt er +menig type van den echten, fieren, mannelijken Arabier onder. + +Op het groote plein midden in de stad is het paleis van den generaal, +den militairen commandant, voorheen de residentie van Ahmed-Bey. Dit +paleis, dat zeer bezienswaardig is, bevat nog vele bijeengeroofde +kunstschatten uit de oudheid. De binnengalerij is versierd met 265 +slanke pilaren van Corinthische bouworde, van Carthago geroofd, +maar bovenal wordt het oog getroffen door een buste van Julia Domna, +de vrouw van keizer Alexander Severus. Van wit marmer, is deze zoo +fijn uitgevoerd, dat men als 't ware den arm onder den mantel kan zien +doorschemeren. Een der façaden van het binnenplein wordt bedekt door +één enkelen rozenboom, zoo weelderig, dat hij van boven tot onder +met de schoonste witte rozen bedekt is. + +Het plein voor 't paleis is de plaats van samenkomst voor de bewoners +van Constantine. Het is er des middags van 5 tot 6 een vroolijk en +levendig gedoe. Want dan speelt de militaire muziek, eerst de Fransche +kapel, daarna de Arabische. De laatste, waar veel snerpende fluiten den +boventoon voeren, is voor Europeesche ooren nu niet bepaald aangenaam +om te hooren. + +De provincie Constantine is niet alleen de boschrijkste, maar ook de +meest bergachtige van Algerië. Daar toch komt de Atlasketen te zamen +met een andere bergreeks, die uit het Zuiden komt en tot het gebied +der hoogvlakten en steppen behoort. Die bergreeks is samengesteld +uit verschillende gebergten; o.a. het gebergte der Ksour, de bergen +der Ouled Nayl, die der Zibans (zoo genoemd naar verschillende +Bedouïnenstammen van denzelfden naam) en de Djebel-Aoures +(djebelberg). Sommigen bereiken een aanzienlijke hoogte. De +Djebel-Aoures b.v. heeft toppen van 2000 M., waarop de sneeuw des +zomers niet smelt. Dit gebergte onderscheidt zich door groote woestheid +en ruwheid van vormen, maar ook door indrukwekkendheid. Het is zeer +verlaten en weinig bewoond. In de rotskloven huizen somtijds nog +beren en leeuwen, die elders reeds lang verdwenen zijn. + +Toen de Arabieren zich van Algerië meester maakten, hebben de +bergvolken van den Aurès het langst hun onafhankelijkheid bewaard +en ook de Franschen hadden met de daarheen uitgeweken oproerige +Bedouïnenstammen veel te stellen. Het Zuiden grenst aan de Algerijnsche +Sahara. + +Ten einde nu den toegang tot de woestijn tegen een mogelijken aanval +van roofzuchtige stammen te verdedigen, bouwden de Franschen de +militaire stad Batna aan de uitloopers van het Aurès-gebergte en +aan de spoorlijn, die van Constantine naar het Zuiden, naar Biskra +loopt. In dat gebergte nu ligt een der grootste merkwaardigheden op +oudheidkundig gebied van geheel Algerië verborgen. + +Het zijn de bouwvallen van Timgad, eertijds Thamugadi geheeten, +een der bloeiendste Afrikaansche steden van het Romeinsche keizerrijk. + +Oorspronkelijk slechts een militaire post met bestemming de woestijn +te bewaken, werd eerst onder de regeering van keizer Trajanus de +eigenlijke stad gesticht door den legaat en propraetor Lucius Munatius +Gallus. Door de gunst van haar beschermer, Trajanus, tot municipium +verheven, breidde zij zich hoe langer hoe meer uit en geraakte tot +grooten bloei. Zij deelde in de afwisselende lotgevallen van Afrika's +Noordkust, die beurtelings onder Romeinsch, Vandaalsch, Byzantijnsch +en Arabisch gezag kwam. Maar in 698 sloeg voor haar het uur van +ondergang. Ingenomen door de volgers van Mohammed, werd zij in brand +gestoken en verwoest. Gedurende meer dan 12 eeuwen sliep de stad haar +doodslaap onder de asch, tot het tegenwoordige geslacht, bezield met +ijver voor wetenschappelijke onderzoekingen, haar daaruit opwekte, om, +al is het dan slechts gedeeltelijk, hare vroegere heerlijkheid aan den +dag te brengen en van hare voormalige grootheid te getuigen. Timgad +noemt men wel het Afrikaansch Pompeï, maar er is wel eenig verschil +tusschen die twee. Terwijl men te Pompeï een duidelijker beeld krijgt +van de inwendige inrichting der huizen en van het huiselijk leven +der Romeinen, ontvangt de bezoeker van de bouwvallen van het oude +Thamugadi een juister indruk van een groote, bloeiende stad uit den +keizertijd, van haar gansche bouworde en inrichting. Licht zal men +vragen, hoe het komt, dat van Timgad zooveel bewaard gebleven is, +terwijl van andere oude steden van Afrika b.v. Carthago, niets meer +over is? Dit komt door hare afgelegen ligging midden in een bergland, +ver van de zeekust. Want deze omstandigheid verhinderde de Grieken, +de Genueezen, de inwoners van Pisa en den bey van Constantine om van +de stad, zooals zij van Karthago en andere plaatsen deden, een dépôt +van bouwmateriaal te maken. Timgad bereikt men van Batna uit; het +is ruim 10 uur rijdens heen en terug. Een lange tocht dus, maar die +wel de moeite loont. De goed onderhouden straatweg dagteekent reeds +gedeeltelijk uit den Romeinschen tijd, daar hier vroeger de heerbaan +liep van Lambesse naar Timgad. Lambesse, dat men na een uur rijdens +voorbij gaat, diende vroeger tot versterkt kamp van het derde legioen +van Augustus, dat met de verdediging van Afrika belast was. Er is nog +een tamelijk goed behouden hoofdingang van het praetorium te zien, dat +tot woning diende voor den keizerlijken legaat of onderbevelhebber, +benevens overblijfselen van een tempel van Esculapius en van een +triomfboog van Alexander Severus. Het is frisch in het dal waar men +doorrijdt, want Batna ligt op meer dan 1000 M. en de bergen van den +Aurès, die men niet uit 't gezicht verliest, zijn hier en daar met +sneeuw bedekt. Na onderweg nog de ruïne van den triomfboog van Markouna +(met ziet, men is en plein pays de l'antiquité) voorbijgereden te zijn, +dagen eindelijk de bouwvallen van Timgad in het nevelachtig verschiet +op als een moeilijk te beschrijven verwarde massa. Dit wordt echter +anders, als men naderbij gekomen is. Dan bespeurt men dadelijk, dat de +stad volgens een vast plan gebouwd is. Niet alléén echter bezoeken de +reizigers de bouwvallen. Hun wordt een gids medegegeven en niet tot +hun nadeel, want anders zouden zij kans loopen te verdwalen tusschen +de talrijke overblijfselen der verschillende monumenten en bovendien +menige nuttige aanwijzing missen. Men kan zich een klein denkbeeld +vormen van de uitgestrektheid, die de stad vroeger besloeg en tevens +van haren bloei, uit de vermelding dat wij een rondgang maakten van +meer dan 3 uur en toen nog alleen maar de voornaamste dingen gezien +hadden. Daarbij komt nog, dat men aanhoudend nieuwe ontdekkingen doet, +nieuwe schatten uit den bodem toovert. De gids bracht ons het eerst +naar het middelpunt der stad, het snijpunt der beide hoofdwegen, den +Decumanus maximus en den Cardo. Deze snijden elkander rechthoekig +en dit snijpunt bepaalt de plaats der voornaamste gebouwen. Alles +in navolging van Rome. Dicht bij het snijpunt ligt het schoonste +en best behouden monument der geheele ruïne, de triomfboog van +Trajanus. Opgetrokken uit grijzen baksteen, maakt het met zijn drie +bogen, ter hoogte van 16 M., een indrukwekkend effect. De middelste +boog, juist ter breedte van de straat, was voor wagens bestemd, +de andere, kleinere voor de voetgangers, die zich op de trottoirs +bewogen. Voor de bestrating droegen de Romeinen veel zorg. Dit blijkt +ook uit die te Timgad, die nog uitstekend behouden is. Zij bestaat +uit groote platte steenen, waar men nog duidelijk het wagenspoor in +zien kan, door de wielen er in gegroefd. + +Van het Forum, het politieke middelpunt der stad, de verzamelplaats +van alle burgers, is niet veel meer over. Slechts een paar zuilen ter +hoogte van 13 M. en een menigte opschriften getuigen van vroegere +heerlijkheid. Onder die opschriften is er één, dat de aandacht +trekt. Het is de luchtige levensopvatting van een Romeinschen +nietsdoener: "venari, lavari, ludere, ridere, hoc et vivere", in goed +hollandsch: "jagen, baden, spelen, lachen, dat is leven". + +Het theater is beter bewaard gebleven. Tegen een heuvel aangebouwd of +liever in de rots uitgehouwen, zijn de rijen zitplaatsen in den vorm +van een halve maan nog vrij volledig aanwezig. Ook de zuilengaanderij, +die achter het tooneel liep, staat, hoewel de meeste zuilen afgeknot +en afgebrokkeld zijn, tamelijk goed overeind. Het theater kon meer dan +4000 toeschouwers bevatten, behalve die nog op den heuvel plaats namen. + +Natuurlijk bezat Timgad zijn Kapitool of burcht, tevens tempel van +Jupiter, Juno en Minerva. Latere onderzoekingen hebben uitgemaakt, dat +hij een oppervlakte van 840 M_2_. moet beslagen hebben. Over 't geheel +moet alles er van reusachtige afmetingen geweest zijn. Dit bewijzen +twee zuilen, die indertijd tot de propylaeën, een zuilengaanderij, die +om den tempel heen liep, behoord hebben. Deze lagen in 8 brokstukken +verspreid. De reconstructie daarvan heeft niet minder dan f 10,000 +frs. bedragen, waarvan 3000 frs. voor een hijschtoestel. De opgezette +zuilen zijn 16 M. hoog en hebben aan de basis een breedte van 1 M. 50 +cM. Voorts zijn door de opgravingen nog aan het licht gebracht de +thermen of baden, die bij de Romeinen zoo'n voorname rol speelden. Vier +zijn er tot nog toe te Timgad ontdekt, 2 groote en 2 kleine. Natuurlijk +is alleen de onderbouw gedeeltelijk bewaard gebleven, maar juist +daaraan kon men zien, op wat voor vernuftige wijze de Romeinen den aan- +en afvoer van water, benevens de verdeeling van heete en koude lucht +ten behoeve der verschillende vertrekken regelden. De kleine thermen +beslaan te zamen een oppervlakte van ruim 2000 M_2_.; de riolen ten +behoeve van den waterafvoer doen heden nog dienst om het overtollige +water van de bergen naar de vlakte te leiden. + +In een museum zijn al de kunstschatten bijeengebracht, door +de opgravingen aan het licht gekomen. Deze zijn van den meest +verschillenden aard en meestal geschonden. Voortreffelijk behouden is +een beeldig bronzen Venuskopje, dat aan den bloeitijd der Grieksche +kunst doet denken. + +Wij zeiden het reeds, ijverig worden de opgravingen voortgezet, +begunstigd en aangemoedigd door de Fransche regeering. Zij worden +verricht onder toezicht van den bekwamen heer Ballu, chef van den +archaëologischen dienst voor Afrika. Hare subsidies heeft de regeering +vermeerderd van frs. 25,000 tot 100,000 frs. Zoo poogt zij dus ook +hier een verzuim der Arabieren te herstellen en blijft door het +bevorderen van wetenschappelijke en geschiedkundige onderzoekingen +haar roeping van beschaving brengende mogendheid getrouw, daarbij de +schoone kunsten niet vergetend. + +Ten zuiden van Batna ondergaat niet alleen het landschap, maar +ook de gesteldheid van den bodem en het klimaat spoedig een groote +verandering. Geen wonder, want men verlaat de hoogvlakte en nadert de +woestijn, die haar invloed doet gevoelen. Van Batna loopt een spoorlijn +naar het Zuiden, die de verbinding tot stand brengt tusschen Biskra, +een voornaam punt van samenkomst van verschillende karavaanwegen +uit de Sahara, en de noordelijker gelegen streek der Tell. Op korten +afstand van Batna neemt het landschap reeds een woestijnkarakter aan, +dat voortdurend ruwer en onherbergzamer wordt. De bergen en heuvels +vertoonen de grilligste vormen, nu eens spits toeloopend, dan weer met +een breeden, ronden koepel gekroond. Soms staan zij in groepjes, in +langere of kortere ketenen bij elkander; op andere plaatsen verrijzen +eenzame kegels en toppen plotseling uit de vlakte. Het is als 't +ware, of de natuur nu eens moeite gedaan heeft, deze landstreek +in den meest chaötischen toestand te brengen, er alles onderste +boven te keeren. De bodem, nu eens rotsachtig dan weer klaar zand, +vertoont met uitzondering van eenige mossoorten niet den minsten +plantengroei. Zoutmeren met lage, bruine, half uitgedroogde oevers +verhoogen slechts de intense treurigheid van het landschap. Dit duurt +zoo voort tot aan de halte El-Kantara, waar de bergen hooger worden +maar het landschap iets vriendelijker, want er is een riviertje in +de nabijheid. + +In het nauwe dal, waardoor de oued El-Kantara (oued = rivier) stroomt, +ligt, door hooge rotsen ingesloten, het vriendelijke, geriefelijke +hôtel Bertrand, waar de bestoven en verhitte reiziger gaarne +afstapt. Volgt men nu de goed onderhouden chaussee door het dal naar +het Zuiden, zoo schijnt het, dat de bergketen van den djebel-Gaouss +dit weldra geheel zal afsluiten. Er is slechts ruimte voor den weg +en het riviertje; de spoor heeft zich door een tunnel baan moeten +breken. Maar plotseling, op een punt, waar de berg slechts een nauwe +spleet vormt, met wanden, die onder een hoek van 60° steil naar boven +rijzen, wijken de rotsen terug en laten den verrasten reiziger den +blik slaan op een breed dal, waarin de uitgestrekte en bekoorlijke +oase van El-Kantara ligt. Voor hem die dit voor 't eerst aanschouwt, +een tooneel van natuurschoon om nooit te vergeten. Het opmerkelijkste +is de schrille tegenstelling tusschen de absolute onvruchtbaarheid der +naakte rotsen en de oase met haar donkergroenen bladerdos van statig +wuivende palmen, waartusschen het kleine, vruchtbaarheid brengende +stroompje zich een weg baant. De Arabieren noemen de bergspleet van +El-Kantara den mond der woestijn, en de geleerden hebben uitgemaakt, +dat hier de grens der Sahara is. Neemt men van meer nabij een kijkje +in de oase en bezoekt men het dorp El-Kantara, zoo geraakt men meer en +meer in verrukking. De huizen, uit grijze leem opgetrokken, gelijken +op kleine vestingen, met smalle vensters als schietgaten. De tuintjes, +door leemen muren van elkander gescheiden, zijn slechts eenige M_2_ +groot, doch bevatten voor den eigenaar zijn levensonderhoud, de +onwaardeerbare dadelpalmen. De dadelpalmen, in 't Zuiden van Europa +en aan Afrika's Noordkust, geven, hoezeer zij de schoonheid van +het landschap ook verhoogen, geen vruchten. Deze rijpen eerst veel +zuidelijker, op ongeveer 38° breedte en hebben daartoe gedurende de +zomermaanden een warmte van 40° a 50° Celsius noodig. De dadelpalm, +zegt de Arabier, "moet met het hoofd in 't vuur, met de voeten in 't +water staan." Daarom groeit de dadel ook alleen dáár in de woestijn, +waar water voorkomt, n.l. in de oase, hetzij natuurlijke, hetzij +kunstmatige. De laatste komt verreweg het meest voor, daar zij zeer +veel zorg behoeft wat de besproeiing betreft, en de eerste bij gebreke +daarvan spoedig te gronde gaat. Evenals elders, stonden de dadels in +de tuintjes te El-Kantara met den voet in een kegelvormig gat, waar +men het water in laat loopen. Door de geheele oase loopt een kunstig +net van kleine stroompjes tot aan en afvoer van water, en zijn lage +dijken aangebracht tot afdamming. Men moet spaarzaam met het kostbare +water omgaan, daarom worden alle tuinen beurtelings eens om de 14 dagen +besproeid. Onder het dichte bladerdak wordt de dadel in de zoele hitte +veilig rijp en dragen andere boomen, ook Europeesche gewassen rijke +vrucht; vijge-, abrikozen- en perzikboomen verrukten het oog door +den rijken kleurenschat hunner bloesems, terwijl de wijngaardranken +en clematis zich door de toppen heenslingeren. Ook verschillende +groentesoorten tieren er welig. Een steenachtig, hobbelig pad voert +door de oase; af en toe moet men de rivier doorwaden, die bijna droog +is en geniet dan een schilderachtigen aanblik op de rotsachtige, met +bloeiende oleanders en cactussen omzoomde oevers. Arabische jongens +en meisjes komen u tegemoet, willen u met alle geweld den weg wijzen +en doen aanslagen op uw beurs. De avond valt. In groepen zitten de +Arabieren, jonge en oudere mannen, voor de lage huizen bijeen, allen +in de witte burnou gehuld, waaronder menige grijsaard door zijn statig +voorkomen de aandacht trekt. Waarlijk een eerste bezoek aan een oase +in de woestijn maakt op den reiziger een onuitwischbaren indruk en +doet hem denken aan de schoonste tafereelen der 1001 nacht. + +Veel heeft het Fransche gouvernement sinds de bezetting van +Algerië voor het behoud, de stichting en de uitbreiding der oasen +gedaan. Natuurlijk was zulks eerst mogelijk, nadat de Fransche troepen +tot aan den rand der Sahara waren doorgedrongen. Zooals men weet is de +Sahara vroeger zee geweest. Het water is in 't zand weggezonken, zoodat +zich in verschillende streken uitgestrekte onderaardsche meren gevormd +hebben, die somtijds meer dan 200 M. diep liggen. Elders verkrijgt men +bij 't graven reeds op 6 M. diepte water. Het geldt nu, dit water te +voorschijn te brengen en door bevloeiing den naasten omtrek vruchtbaar +te maken. Den Arabier staan daartoe slechts gebrekkige hulpmiddelen +ten dienste. Daarom moet de Franschman met zijn machines voor 't +boren van artesische putten hem te hulp komen. In 1856 liet kolonel +Desvaux, commandant van Batna, de eerste boringen doen te Tumerna, +waar men een put aanboorde, die 4010 L. water per minuut gaf. Somtijds +spuit het water met zoo'n geweldigen aandrang en in zoo'n rijkelijke +hoeveelheid uit den bodem, dat het een deel der landstreek onder water +zet en de aanwezigen zich in allerijl moeten bergen, ten einde niet +verzwolgen te worden. Dit duurt echter maar kort, waarna de toevloed +vermindert. Het water wordt afgedamd en door kunstige kanaliseering +wordt een zoo groot mogelijke streek bevloeid. + +Uitbundige vreugde heerscht er bij de bevolking. Fantasia's worden +gehouden, saluutschoten in de lucht afgevuurd en de dorpcheik betuigt +den "vader van het water" (naam, dien de Arabieren aan den ingenieur, +met de boringen belast, geven) de dankbaarheid der bevolking. Alle +nood is vergeten, de toekomst der oase, der bewoners verzekerd, +nieuwe bronnen van bestaan geopend, de arbeid vermeerderd, de welvaart +toegenomen. Alleen van 1856-'66 liet de Fransche regeering 150,000 +palmen planten. Zij legt den bewoners der oase slechts de matige +belasting van 20 à 30 centimes per dadelboom op. Eenige jaren geleden +schonk zij aan een dorp 2/5 der belasting kwijt wegens mislukking der +oogst. Men houde wel in 't oog, dat de geduldige, vlijtige bebouwer +der oase niet is de luie, rondzwervende Arabier, maar tot den stam +der vroegere inwoners, der Berbers behoort. + +Vroeger was het gewoonte, dat de Arabier tegen den oogsttijd zijn +tenten in de nabijheid der oase kwam opslaan, om van den oasebewoner +schatting van den oogst te eischen. Deze schatting bedroeg dikwijls +meer dan de helft. Aan dit misbruik heeft het Fransche gouvernement +een einde gemaakt, en dit is dus ook in dit opzicht den inboorling +tot zegen geweest. + +Niet alleen echter voor het stoffelijk welzijn, ook voor het +geestelijk heil der bevolking wordt goed gezorgd. Dit bewijzen de +vele scholen, die overal in steden, dorpen, ja zelfs in afgelegen +oasen opgericht zijn. Ook El-Kantara bezit een school. Jaarlijks +wordt uit de schranderste dorpskinderen van ongeveer een jaar of 6 +een keus gedaan ten getale van 10 of 12, om een cursus van 6 à 7 jaar +te volgen. Het onderwijs, dat 's winters gegeven wordt, bestaat in +Fransch (dat de Arabieren zeer gemakkelijk leeren), teekenen, hand- +en tuinarbeid en rekenkunde. Desverkiezende kunnen leergierigen op hun +13de of 14de jaar nog een hoogeren cursus volgen, waar ook geschiedenis +onderwezen wordt. De schoollokalen te El-Kantara zijn voldoende en +ruim ingericht. Aan de wanden prijken, behalve vele schoolprenten, +de teekeningen van jeugdige Berbertjes, die van goede opmerkingsgave +getuigen. Zelfs te Ouargla, een oase midden in de Algerijnsche Sahara +gelegen, is een Fransche school. Van Biskra uit moet de schoolmeester +per kameel de reis daarheen doen, welke 14 dagen duurt. Wel een bewijs, +dat zelfs afgelegen plaatsen op onderwijsgebied niet vergeten worden. + +El-Kantara is zeer gezocht door hartstochtelijke jagers, die in de +kloven van het gebergte en in de valleien der woestijn jacht maken +op de mouflon, het ruige bergschaap met breede, gekrulde hoorns +en de snelvoetige antilope. Wij, toeristen, maakten een interessant +uitstapje naar het schilderachtige dal van Tilatou. 's Morgens vroeg op +muilezels onder geleide van een levendigen Arabier, een dorpsjongen uit +El-Kantara, vertrokken, drongen wij in een zijdal der rivier door, dat +hoe langer hoe nauwer toeliep. Slechts een smal voetpad voerde langs +den steilen oever, ontbrak soms ook geheel. Dan daalden de muilezels +in de rivier af en vervolgden daarin hun weg. Een andermaal klauterden +zij als katten tegen de steile hellingen op of daalden behoedzaam +tusschen groote rotsblokken naar beneden. Voortdurend riep de jonge +Arabier ons toe: "Laissez le mulet, il sait son chemin." Waarlijk, +men kon niets beter doen dan zich lijdelijk aan zijn muildier overgeven +en de kalme, behoedzame zekerheid bewonderen, waarmede het steeds den +reeds vroeger afgelegden weg terug vond. Tegen 't middaguur stapten +wij af op een plaats, waar het dal, door hooge krijtrotsen omgeven, +breeder werd. Was het vroeger woest en onbegroeid, hier heerschte +een weelderige plantengroei. Langs de rotsoevers der beek bloeiden en +geurden om strijd oleanders en wilde rozen, hoogerop vormden vijge- +en laurierboomen, amandel-, perzik- en abrikozenboomen, omstrengeld +met wijngaardranken en lianen, een dicht bosch, waarboven een enkele +palm zijn trotsche kruin verhief. + +Na een bezwaarlijke klimpartij tegen een met rotsblokken bezaaide +berghelling was het punt bereikt, waar wij op korten afstand het +gezicht op het doel van onzen tocht hadden, een dorp van holbewoners +of oermenschen. De natuur heeft hier n.l. in de krijtrotsen vrij +diepe holen en grotten gevormd, die door de gemakzuchtige Arabieren +met geringe moeite tot woningen voor zich zelf en stallen voor +hun vee ingericht zijn. Tegen de rotsen aangeleund, verheft zich de +afgebrokkelde toren van een moskee. Daar leven ongeveer een 300 mannen, +vrouwen en kinderen, ver van de wereld, met bijna geen behoeften, zich +voedend met de opbrengst hunner kudden en der weinige vruchtboomen die +zij verzorgen onder het aartsvaderlijk opzicht van een kadi (rechter) +en een marabout (priester). Een idyllische toestand voorwaar, die +ons Westerlingen, vermoeid door het gejaagde, de zenuwen op de proef +stellende, dikwerf zoo ongezonde leven der hedendaagsche maatschappij, +jaloersch zou kunnen maken, zoo ... wij wat meer van 't karakter van +den Arabier in ons hadden. + + + + + +Biskra, ongeveer twee uur sporens ten Zuiden van El-Kantara, is het +eindpunt van de lijn van Constantine naar de Sahara. Het is een +oase, die, wat uitgestrektheid en schoonheid betreft, El-Kantara +nog ver overtreft. Juister gezegd, bestaat het uit elf oasen van +uiteenloopende uitgestrektheid, die schilderachtig verspreid aan +den voet van twee massieve bergmassa's liggen, den reeds vroeger +vermelden Djebel Aoures en den berg der Zibans (ziban-dorpen, +enkelv. zab). De Arabieren, steeds er op uit om alles, wat door +bijzondere schoonheid of bekoorlijkheid uitmunt, bij een koningin, +sultane of prinses te vergelijken, noemen daarom Biskra de koningin +der Zibans. En terecht verdient het dien naam. Want als een koningin, +stralend van schoonheid, de trotsche kruinen van zijn 160,000 palmen +badend in den zonnegloed, ligt het daar aan den ingang der woestijn +bij de grenzen der beschaafde wereld. Het is als 't ware of het aan de +wereld toonen wil, dat ook de woestijn hare overweldigende schoonheid +bezit. En niet alleen schoonheid is haar deel, ook leven, rusteloos en +bedrijvig leven, drukte en vroolijkheid vol Oostersche levendigheid +en schitterende kleurenpracht. Wat Tunis voor het Noorden is, dat is +Biskra voor het Zuiden. Heeft men daar het Arabische leven in al zijn +oorspronkelijkheid, hier kan men den nomadiseerenden Arabier in zijn +ware natuur aanschouwen. + +Biskra is het knooppunt van karavaanwegen bij uitnemendheid. Daar toch +komen tallooze wegen uit de Sahara te zamen; daarlangs loopt sinds +eeuwen de hoofdweg van het binnenland door de poort van El-Kantara +naar Tunis. Van Biskra uit gaat ook de groote karavaanweg over de +oasen Tougourt en Ouargla dwars door de Sahara naar het geheimzinnige +Tomboktou aan den Niger. Het ideaal van het Fransche gouvernement is, +dien weg binnen niet al te langen tijd, van oase tot oase, te vervangen +door een spoorweg, den Transsaharien. De 60,000 inwoners van de oase +bestaan uit de meest verschillende rassen uit de woestijn en het +gebergte afkomstig, n.l. negers uit de Sahara en Centraal-Afrika, +Berbers uit den djebel-Aoures, Arabieren uit het Noorden en uit +de Zibans benevens een menigte nomaden, die overal hun tenten in +'t vrije veld opslaan. + +De Europeanen te Biskra bestaan voor 't grootste deel uit ambtenaren, +militairen en vreemdelingen. Om het gezonde klimaat, de droge, +reine, uitstekende lucht wordt Biskra meer en meer gezocht als +winterverblijf voor vreemdelingen, die er evenals in Egypte genezing +voor longaandoeningen komen zoeken. De toeloop van vreemdelingen +heeft te Biskra paleizen van hôtels doen verrijzen, die in niets +voor Europeesche behoeven onder te doen. Vooral het Victoria-hôtel +en Hôtel Royal munten uit door hun ruime bouworde, prachtige ligging +en uitstekend ingerichte lees- en gezelschapszalen. Daar treft men +ook nomaden aan, maar Europeesche, nl. globe-trotters en mondaines +in de elegantste toiletten. In het voor- en najaar is het te Biskra +het drukst, en wordt het ook het meest bezocht door de karavanen. + +In 't voorjaar, als de hitte zich in de woestijn doet gevoelen, de +zonnebrand het schaarsche gras verdort, maken de nomaden zich op, om +met hunne kudden naar de noordelijker gelegen bergstreken te trekken, +waar zij voedsel voor hun vee vinden. In 't najaar heeft de trek in +omgekeerde richting plaats. Daar wij juist in 't voorjaar te Biskra +waren, konden wij getuigen zijn van het drukke verkeer, dat er dien +tijd heerscht. In lange rij kwamen de karavanen uit de binnenlanden +opzetten, al naarmate van den rijkdom des eigenaars door groote of +kleinere kudden schapen, geiten en kameelen vergezeld. Meestal reed de +eigenaar op een vurig paard voorop, dan volgden vrouwen en kinderen +op den rug der kameelen, de vrouwen nu eens gesluierd, dan weer +door een palankijn van bont gestreept doek voor onbescheiden blikken +verborgen. Huisraad en koopwaren, zooals dadels, harst en houtskool, +waren eveneens op kameelen en ezels verpakt. Vlugge, slanke, bruine +jongens en mannen liepen hier en daar naast den stoet, een wakend oog +op de kudden zwarte schapen en geiten houdend. Voor de kameelen is +dit niet noodig, die volgen van zelf een enkele moederkameel vergezeld +van een jong, dat gedwee bij de moeder blijft en er in zijn schonkige +magerheid onoogelijk uitziet. Herbergen, gelijk bij ons, kent men in +'t Oosten niet. De karavanen moeten hun toevlucht zoeken in een gebouw, +karavanserai genoemd, bestaande uit vier vleugels, rondom een vierkante +plaats. Op dit plein verzorgt men het lastvee en in het gebouw betrekt +de Bedouïn een cel, waarin hij niets vindt dan een mat. Het is een +schilderachtig tafereel, een drukke karavanserai, maar de zindelijkheid +laat er veel te wenschen over. Natuurlijk vinden in den drukken tijd +lang niet alle karavanen er plaats, en daar de toegang aan de vrouwen +verboden is, geven de meeste Bedouïnen er de voorkeur aan, in de open +lucht te kampeeren. Onder een paar palmboomen wordt de tent opgezet, +en broederlijk huist de geheele familie daar te zamen met honden, +schapen en geiten. Sommige dier tenten zijn van zeildoek of linnen, +en men kan zien, dat daar binnen eenige welgesteldheid heerscht; +de eigenaar ligt in zijn volle waardigheid zijn pijp te rooken, +vrouwen en meisjes zijn bezig met den maaltijd toe te bereiden, +of weven doeken en shawls uit kleurige stoffen. + +Andere tenten zijn niets dan een lappendeken van vodden op eenige +staken, omringd met een doornhaag (zeriba) ter bescherming van het +vee; groezelige vrouwen zitten neergehurkt voor den ingang, of werpen +den vreemdeling schuwe blikken door de scheuren der tent toe; magere +half wilde honden blaffen hem toe, en havelooze, smerige, halfnaakte +kinderen stuiven op hem af, onder 't geroep van "donnez un sou, m'siou" +('t eerste wat elk Arabierenkind leert), waarbij zij zoo onbeschaamd +aanhouden, dat men ze bijna met geweld verjagen moet. + +Evenals in alle steden, die zich kenmerken door een internationaal +va-et-vient van reizigers, is ook te Biskra voor de noodige afleiding +en ontspanning gezorgd. + +Na zijn zwerven door de woestijn, dikwijls gekweld door hitte, dorst +en den verraderlijken woestijnwind, den simoun, wil de Arabier, +zelfs de meest nomadisch aangelegde, wel weer eens de genietingen +der beschaafde wereld smaken. + +Daarbij komt, dat het drukke vreemdelingenverkeer nu niet bepaald +voordeelig op de zeden gewerkt heeft, zoodat te Biskra druk aan Venus +en aan 't spel geofferd wordt; ook houden de Arabieren zich daar niet +zoo streng aan de wet van den profeet als hun voorgeschreven is ten +opzichte van wijn en alcoholische dranken, zooals wij zelf eenmaal aan +onzen gids konden bemerken. Des avonds en gedurende een deel van den +nacht is het in sommige straten vrij druk en rumoerig; danshuizen en +café's stralen van licht, harde snerpende muziek weerklinkt, in 't kort +een soort oostersch boulevard-leven in 't klein. Dit concentreert zich +voornamelijk in de zoogenaamde straat der Oulad-Nayl. De Oulad-Nayl is +een Bedouïnenstam, die in het gebergte van dien naam ten westen van +Biskra huist. Tegen den winter gaan de dochters van dien stam naar +die plaats toe, om er zich in de arabische café's als dansmeisjes te +verhuren, tevens haar harten zoo wijd mogelijk voor alle vreemdelingen +openstellend. In 't Oosten wordt de danskunst in 't openbaar slechts +uitgeoefend door meisjes van twijfelachtige zeden. + +Dit doet echter der dochters der Oulad-Nayl geen +kwaad. Integendeel. Want evenals de japansche Greishameisjes, zijn +zij bij haar terugkeer naar haar stam met de opgespaarde verdiensten +als bruiden zeer gezocht. + +In tegenstelling met de andere Arabische vrouwen ongesluierd, zitten +zij voor de deuren van haar lage huizen, in lange bonte kleederen +gehuld, den kleurigen tulband op 't hoofd, dat aan weerskanten omlijst +is met een dikken dot valsche krullen van dunne zwarte wol, hals en +borst behangen met tallooze kettingen van louis d'or, munten, steenen +en schelpen; armen, polsen en enkels met armbanden en ringen versierd, +de nagels rood geverfd met hennéh, de wenkbrauwen met kohl tot één +dikke zwarte streep getrokken, die de donkere oogen onnatuurlijk groot +maakt. De vreemdelingen gaan natuurlijk een kijkje in deze wijk nemen, +omdat zij hier een eigenaardig stuk oostersch leven te zien krijgen +en niets dat tegen de borst stuit. In 't café binnengetreden, waar een +talrijk publiek van allerlei stand en landaard is, zetten zij zich op +de met tapijten belegde steenen banken neer, om naar het dansen toe te +zien. Op een soort estrade maken eenige muzikanten eentonige muziek, +eerst zacht en slepend, om eensklaps over te gaan tot fortissimo in +een razend tempo, dat eindigt met den Europeaan wanhopig te maken. Op +de maat dier muziek voeren de dochters der Oulad-Nayl hare gracieuse +dansen uit, met voorzichtige schuifelende passen, lenige lende- +en heupbewegingen en sierlijk soms statig armgebaar. + +Een kunststukje daarbij is, een ontvangen geldstuk op het voorhoofd +te plaatsen en dit onder 't dansen en 't achteroverbuigen van het +bovenlichaam steeds daarop te houden. + +Uren lang kan de Arabier naar die dansen toezien; voor den Europeaan +worden zij spoedig eentonig. In een ander café worden krijgsdansen +uitgevoerd door negers uit Centraal-Afrika, die zich daarbij zoo +afschuwelijk mogelijk toegetakeld hebben, behangen als zij zijn met +lynx- en vossevellen. Onder het uitstoot en van rauwe, brullende +kreten, die niets menschelijks meer hebben, draaien zij met snelle +sprongen en bewegingen om elkander heen, onder 't zwaaien van kromme +sabels, met klapperende castagnetten en een kleine oorlogstrom een +oorverdoovend lawaai makend. + +Zoodanig tooneel biedt de straat der Oulad-Nayl den vreemdeling +des avonds. Door zijn licht en leven, zijn oostersche vrouwen en +kleurenpracht en al het exotische maakt deze plek een eigenaardigen +indruk, dien hij niet licht vergeet. + +Zeer loonend en vol afwisseling is een wandeling door het dorp +oud-Biskra, bewoond door de eigenlijke inwoners der oase. Men bewondert +hier even als te El-Kantara het kunstige irrigatie-stelsel en de hoog +opschietende dadelpalmen, terwijl de nettere, ruimere woningen van +meer welstand dan ginds getuigen. + +Niet ver van daar liggen op een lagen heuvel de overblijfselen van een +turksch fort, dagteekenende uit den tijd dat het gezag van den Grooten +Heer te Constantinopel zich nog over Tunis tot aan de grenzen der +Sahara uitstrekte. Van den top heeft men een gezicht op het zuidelijk +gedeelte van Biskra en tevens op den Col des sfa (sfa: kameelen), +waar een vale, golvende streek te kennen geeft, dat hier het ruwste +en onvruchtbaarste deel der Sahara, de zandwoestijn, waar de simoun +heerscht, door de Arabieren El Erg genoemd, een aanvang neemt. + +Beter nog dan van den heuvel bij oud-Biskra kan de reiziger de +zandwoestijn aanschouwen van den toren der moskee van Sidi-Okba. Dit +is een dorp geheel bewoond door Arabieren, op 3 uur rijdens van +Biskra verwijderd. Het is voor hen een beroemde bedevaartplaats, +want in de moskee ligt begraven Sidi-Okba, een neef van Mahommed en +fanatiek strijder voor 't geloof van den profeet, die in den strijd +met de Berbers sneuvelde. Hier ziet men geen Europeesch gebouw, +geen spoor van westersche beschaving. Men is geheel in een Arabisch +milieu, hetgeen het interessante van het bezoek verhoogt, maar in +hooge mate de vrijheid van beweging belemmeren zou, als niet de +Fransche regeering speciaal een Arabier als beambte aangesteld had, +om de vreemdelingen als gids te dienen en tegen de al te groote +indringerigheid en bedelzucht van zijn landgenooten te beschermen. + +Bij 't bezoek aan het graf, dat met kostbare wijgeschenken en fraai +met goud en zilver bestikte tapijten versierd is, bestijgt men +ook den toren der moskee; en van den omgang, waar de muezzins bij +'t ondergaan der zon met luidklinkende stem de geloovigen tot het +avondgebed oproepen, heeft men een onmetelijk uitzicht op de golvende +zandzee, die zoo veel drama's en verschrikkingen in haren schoot +bergt en waarvan het kleine, in het zonlicht schitterende dorp met +zijn slanke palmen slechts een verlaten post schijnt te zijn. Toch +is het bewoond door ongeveer 3000 Arabieren en negers. + + + + + +Een der voornaamste aantrekkelijkheden van het reizen in Algerië is +de groote afwisseling, die de natuur telkenmale aanbiedt. Een halve +dagreis is dikwijls voldoende om den reiziger in een landstreek te +brengen, die zoo in alle opzichten verschilt van die, waar hij den +vorigen nacht het moede hoofd ter ruste legde, dat hij zich zelf +bijna verwonderd afvraagt, of deze verandering toch werkelijk in zoo +korten tijd heeft plaats gehad. Grooter tegenstelling dan tusschen het +landschap van Biskra en Kabylië is wel niet denkbaar. Kon ginds de blik +een onmetelijken horizon bevatten, zoo wordt hij hier op korten afstand +gestuit door massieve bergmassa's waarvan de toppen met sneeuw bekroond +zijn, want Kabylië is het hoogste en meest uitgestrekte bergland +van geheel Algerië. Het behoort tot twee provincies. De oostelijke +helft is de grootste en ligt in de provincie Constantine. De bergen +bereiken er echter niet zoo'n hoogte als die der westelijke helft, +in de provincie Algiers gelegen. Van Constantine naar het Westen +sporend, komt de reiziger eerst in de door graan vruchtbare maar +eentonige vlakte van Sétif. Langzamerhand, bij 't naderen van den +Biban-keten, wordt het landschap woester en meer bergachtig; steunend +en hijgend zwoegt de machine tegen de berghelling op, van tijd tot +tijd stil houdend, waar werklieden bezig zijn den veel onderhoud +vereischenden weg te herstellen. Het is of men in een Zwitsersch +landschap verplaatst is. Verdwenen zijn de karavanen met Bedouïnen en +kameelen, als waren zij door den sirocco weggevaagd, verdwenen ook de +palmen met hun sierlijke bladerkronen. De beambten en arbeiders langs +den weg zijn bijna allen van Europeeschen stam en de schilderachtige +oasen zijn vervangen door spaarzame boomgroepen van het soort dat men +"pin d'Aleppe" (een variatie van den den) noemt en naakte, loodrecht +oprijzende rotswanden. Steiler wordt de weg, langzamer kruipt de trein +naar boven, tot hij bij de Portes de Fer het hoogste punt bereikt +heeft. Van daar daalt de weg dan weder met vele zig-zagwendingen +en slingeringen in de vruchtbare vlakte van de Sahel, waar talrijke +olijfboomgaarden en velden met wijnstokken en graan beplant, van de +vruchtbaarheid getuigen. Steeds breeder en liefelijker wordt het dal, +tot de spoorweg zijn eindpunt, het aan zee gelegen Bougie bereikt, +waar ook de Sahel zich in zee stort. Geen plaats in Algerië is schooner +gelegen dan Bougie, amphitheatersgewijze tegen de heuvels gebouwd, +die een tamelijk groote golf omringen. Het gezicht, dat men op de golf +heeft van de balkons van het in Zwitserschen trant gebouwde hôtel, +is werkelijk eenig mooi. Op den voorgrond de kleine haven, waar slanke +vaartuigen met driehoekige zeilen op de donkerblauwe watervlakte heen +en weer schommelen; aan den overkant bergketenen uit de zee oprijzend, +steeds hooger en hooger, de voorste lagere, met groenenden wasdom, de +achterste hoogere, witgekuifd door sneeuw; aan de linkerhand de volle +zee, aan de rechter de vruchtbare vlakte der Sahel, hier en daar door +verschillend genuanceerde, groenende boomgroepen onderbroken. Op een +eenzame, ver in zee uitstekende rots, kaap Carbon, staat een vuurtoren +met draaiend licht, hetwelk op 45 K.M. van uit zee te zien is. Want +de kust is hier zeer gevaarlijk, daar er dikwijls zoo'n sterke mist +heerscht, dat men geen twee passen voor zich uit kan zien. + +Bougie is het uitgangspunt voor tochten te voet en per rijtuig door +Groot- en Klein Kabylië. Wegen, hôtels en middelen van vervoer laten +er echter nog veel te wenschen over, zoodat de Arabieren met dien +primitieven toestand hun voordeel doen en er geen streek is, waar de +reiziger meer op zijn tellen en op zijn beurs moet passen dan in dit +deel van het beschaafde Algerië. + +Onderscheidt Kabylië zich, wat de natuur en de gesteldheid van den +bodem betreft, van het Zuiden, ja men kan veilig zeggen van geheel +het overige Algerië, zoo is er ook op het gebied van bevolking +groot verschil. De Kabyl is een afzonderlijk type, dat zich door +de afgeslotenheid van zijn ontoegankelijke bergen door vele eeuwen +heen zeer zuiver gehandhaafd heeft, weinig vermengd als het is +door nauwere aanraking met de verschillende volksstammen, die +achtereenvolgens het land overstroomden. Van middelbare gestalte, +lenig, welgemaakt en gespierd, met blauwe oogen en rosachtig haar, +vertoont hij een geheel ander type dan de Arabier. Hij behoort tot +de oorspronkelijke Berberstammen, die voor de komst der Romeinen +het land bewoonden en zich gedurende de onophoudelijke oorlogen en +vervolgingen in het ontoegankelijke gebergte terugtrokken. Ook in +het Aôures-gebergte vindt men dergelijke stammen. Fanatiek, sober, +dapper en vrijheidslievend, met open, vrijen oogopslag, heeft de +Kabyl al de deugden van den bergbewoner. Een langen, hardnekkigen +oorlog hebben de Franschen in Kabylië moeten voeren, eer het voor +goed onderworpen was. Telkens verslagen, trokken de bewoners zich +weder in ontoegankelijke streken terug, om den aanval onverwacht te +hervatten als de kans hun gunstig scheen. Vele Fransche veldheeren +hebben hun sporen in dezen veldtocht verdiend. Ook de hertog van +Aumale, later stadhouder van Algerië, heeft er als dapper soldaat +zijn plicht gedaan. Onder de dweepzieke leiding van den bekenden +emir Abd-el-Kader was Kabylië een brandpunt van verzet. Een treurige +vermaardheid verwierf er door zijn wreedheid de overste Pelissier, +later voor zijn verdienste bij Sebastopol tot hertog van Malakoff +benoemd. In 1845 liet hij een geheelen Kabylenstam ten getale van 800, +die met vrouwen en kinderen in een ruime rotsspelonk gevlucht waren +en van overgave niets weten wilden, door den rook van een brandende +houtmijt door verstikking om 't leven komen. Eerst in 1857 gelukte +het generaal Randon den taaien tegenstand der Kabylen te breken en +daarmede Algerië tot aan de Sahara te onderwerpen. In 't midden des +lands werd een sterkte, Fort National, gebouwd, van waaruit excursies +ondernomen werden om het land tot rust te brengen. Een wijs en gematigd +bestuur heeft er zeer toe bijgedragen de onderwerping te bevorderen. Na +verloop van tijd hebben de Kabylen zich in 't onvermijdelijke geschikt, +zoodat de regeering van Algerië hen thans onder haar beste onderdanen +moet rekenen. Geen nomaden, als de Arabieren, zijn zij aan hun bergen, +aan vaste woonplaatsen gehecht en houden zich met goed gevolg met +landbouw en veeteelt bezig. + + + + +Is Tunis een echte Arabische stad, waar men de Mooren (zoo noemde +men vooral ten tijde der Republiek de inwoners der steden aan +de Noord-Afrikaansche kust) nog in al hun oorspronkelijkheid kan +gadeslaan, geheel anders is het met Algiers gesteld. Algiers is +geheel en al een Fransche stad. Men zou denken in de een of andere +Fransche havenstad der Middellandsche zee te zijn, zoo Europeesch is +het uiterlijk met de ruime haven, uitgestrekte kaden en prachtige, uit +vele verdiepingen opgetrokken, hôtels en gouvernementsgebouwen. Wandelt +men dieper de stad in, zoo wordt die indruk nog versterkt. Van een +uitgestrekte Arabische wijk, zooals te Tunis, geen spoor en bijna +met verbazing beschouwt men de moskee El-Djedid met haar in 't felle +zonlicht schitterende muren en met een halve maan gekroonde koepeldaken +op de Place du Gouvernement, juist tegenover het ruiterstandbeeld +van den hertog van Orleans, alsof men dit gebouw nu het allerminst +hier verwachtte. Eigenlijk is het niet meer dan natuurlijk, dat de +stad Algiers haar oorspronkelijk karakter nagenoeg geheel verloren +heeft, zoo men bedenkt dat de Franschen zich daar het eerst gevestigd +hebben. De bezetting dateert van 1830. + +In dat jaar had in de kasbah van den bey de befaamde audiëntie plaats, +verleend aan den Franschen consul. Deze had zich over eenige rooverijen +en andere schendingen van 't volkenrecht door Algerijnsche onderdanen +ernstig te beklagen, welke klachten door den despoot met zeer ongepaste +woorden beantwoord werden. In zijn toorn liet hij zich zelf vervoeren, +den consul met zijn waaier in 't aangezicht te slaan, een daad, die +hem zijn heerschappij kostte. Daar elke voldoening geweigerd werd, +landde een Fransch leger onder maarschalk Bourmont aan de kust, +maakte zich zonder veel moeite van de stad en omgeving meester en +zette den bey af. Nog heden ten dage toont men op de kasbah aan de +vreemdelingen het Pavillon du coup d'éventail, waar die gedenkwaardige +audiëntie plaats greep. De omstandigheid, dat Algiers de residentie +der geheele kolonie werd, droeg er eveneens toe bij de stad meer en +meer Fransch te maken in de 70 jaar, sinds de bezetting verloopen. + +Bovendien is Algiers zeer gezocht, om het heerlijke klimaat als +winterverblijf, door tallooze vreemdelingen, een reden te meer, +waarom het inlandsche element op den achtergrond treedt. + +De ligging aan een ruime baai, die het volle uitzicht op de zee +verleent en met haar rechteroever in een zachten boog naar het +Noord-Oosten loopt, is eenig schoon. + +Niet weinig dragen daartoe bij de twee voorsteden, Mustapha inférieur +en Mustapha supérieur, juist in die boog gelegen, de landstreek +aan zee en de glooiende heuvels bedekkend met vroolijke landhuizen +en prachtvolle villa's, afgewisseld door welige boomgroepen en +boschpartijen. De beide Mustaphas worden bij voorkeur door de +vreemdelingen gezocht. + +Ook de gouverneur-generaal van Algerië heeft zijn zomerpaleis in +Mustapha supérieur. Op een heuvel gelegen, biedt het, tusschen de +breede bladeren der palmen door, een verrukkelijk uitzicht op de zee en +is door een uitgestrekt park omgeven. Voor den ingang staan op zuilen +de marmeren busten van eenige vroegere gouverneurs, meest militairen, +die een groot aandeel gehad hebben in de verovering. Men leest de namen +van Bugeaud, den grooten generaal-pacificateur, Randon, Mac-Mahon, +Chanzy, die Frankrijks eer en wapenroem redde in den rampspoedigen +veldtocht aan de Loire, en van zoovele anderen. Tegenover het +paleis vindt men het museum van oudheden, met vele schatten op +oudheidkundig gebied, door de opgravingen der laatste 25 jaren aan +'t licht gebracht. In 't bijzonder zijn hier eenige zeer fraaie +mozaïeken te zien, geheel ongeschonden en van groote afmeting. Deze +komen in grooten getale in Algerië voor. + +Het mooiste in de omstreken van Algiers, en geen vreemdeling verzuime +dit te gaan zien, is de Botanische tuin van le Hamma. + +Op korten afstand van de stad, onmiddellijk aan zee gelegen, is +deze tuin eenig in haar soort, en hij wordt slechts door dien van +Buitenzorg overtroffen. Van al de proeftuinen, overal in Algerië door +de Franschen aangelegd, is deze tuin van Hamma (zoo wordt hij genoemd +naar een dorpje in zijn nabijheid) de oudste en de belangrijkste. Door +een breeden schaduwrijken rijweg omgeven, bedraagt de uitgestrektheid +84 hectaren, welke in twee deelen verdeeld is, waarvan het aan zee +gelegen gedeelte den eigenlijken tuin uitmaakt, terwijl het andere +bestaat uit met verschillende houtsoorten bewassen heuvels. De ingang +is in de onmiddellijke nabijheid der zee, op een historische plek. Want +in 1541 mislukte hier een strafexpeditie van Karel V tegen den dey van +Algiers. Zijn kostbaar uitgeruste vloot werd door geweldige stormen +deels op het strand geworpen, deels door de zee verzwolgen. Zelfs met +moeite gelukte het den machtigen keizer zich te redden. Het heerlijke +klimaat van Algiers kwam den tuin zeer ten goede en bracht de vele +uitheemsche tropische gewassen tot snellen wasdom. Bij 't binnenkomen +betreedt de bezoeker een der vier prachtige lanen, die deze tuin rijk +is en die hem in verschillende richtingen doorkruisen. + +Het is de palmenlaan, afwisselend bestaande uit Amerikaansche +palmen die de aandacht trekken door hun forschen, knoestigen stam en +kolossale waaiervormige bladen, en uit kaarsrechte, slanke dadelpalmen, +hun wuivende kruin hoog in de reine lucht verheffend. Voorts is er +een laan eeuwenoude platanen, van den voet tot hoog in de takken +met klimop omrankt. In de bamboes-laan buigen de stammen met het +dun uitloopende eind naar elkander toe tot zij elkander aanraken, +zoodat het den bezoeker toeschijnt als wandelt hij in het schip eener +kathedraal. Het meest wordt hij echter getroffen door de prachtige +laan van ficussen, 20 minuten gaans lang, waar elke boom afzonderlijk +een weelde der oogen is. Vijftien tot twintig luchtwortels, meer of +minder dik, hangen bij den stam neer, omstrengelen hem met forsche +omarmingen, of richten zich bij den voet weer omhoog, zoodat het geheel +een grillig complex van wortels en takken vormt, overschaduwd door +de machtige bladerkroon. Men is verrukt door de zeldzame sycadaëen, +door de musa's met hun breede, laag neerhangende bladeren en purperen +vrucht. Een wonderlijken indruk maakt de pinangboom, met kegelvormigen +stam, licht grijs van kleur, hard en glad als steen. In 't bijzonder +munt deze tuin uit door het groote getal exemplaren van eene zelfde +boomsoort in één groep bijeengeplant. Zoo ziet men b.v. een groep +van 40 verschillende palmen uit alle deelen der wereld afkomstig. Op +groote schaal worden in den tuin allerlei gewassen aangekweekt, +die door de kolonisten in cultuur kunnen gebracht en voor hen tegen +matigen prijs verkrijgbaar worden gesteld. + +De provincie Algiers is de vruchtbaarste van geheel Algerië en +wordt door de provincie Oran alleen wat betreft den rijkdom van graan +overtroffen. De tel, het bebouwbare land, heeft er de grootste breedte +en de vlakten van de Sahel en van de Metidja leveren de grootste +verscheidenheid van producten op. Rijk aan wijn, heeft dit edele +vocht al sinds jaren in geheel Europa, ook in ons land het burgerrecht +verkregen. Keeds in 1865 bedroeg de uitvoer 3 millioen H.L. en in jaren +van misgewas zijn de wijnboeren uit Frankrijk blijde, hun voorraad uit +de Algiersche wijnen te kunnen aanvullen. Overal in de omstreken van +Algiers uitgestrekte velden met Europeesche groenten en breedbladerige +artisjokken, waarmede des winters de markt van Parijs voorzien wordt. + + + + + +Niet alleen om hare snelle, gestadige ontwikkeling, maar ook uit +een politiek oogpunt neemt de provincie Oran, meer dan de andere, de +aandacht van het bestuur van Algerië en van de regeering te Parijs in +beslag. Zij is niet veilig tusschen twee andere gelegen, als Algiers, +grenst evenmin aan een land als Tunis, waarover Frankrijk door zijn +protectoraat de beschermende en strenge hand uitstrekt, maar heeft +tot nabuur het woelige Marokko, waar de heerscher slechts in schijn +gezag uitoefent. Vooral in 't zuiden zijn de nagenoeg onafhankelijke +Bedouïnenstammen, die zich aan bevelen en vertoogen uit Fez niets +gelegen laten liggen, bij voortduring een onrustig en beroering +brengend element. + +Want ook in 't Zuiden der provincie Oran wordt onverdroten voortgegaan +met het scheppen van oasen en het devies van generaal Bugeaud +opgevolgd: "refoulez le désert." Langzamerhand heeft Frankrijk zich +reeds op vreedzame wijze gevestigd op verschillende punten in de +Marokkaansche Sahara, met 't oog op den verbindingsweg dwars door +die woestijn naar den Niger en om zijn invloed in Marokko uit te +breiden. Onlangs nog is met de noodige praal, in tegenwoordigheid van +den minister Etienne en den gouverneur-generaal Jonnart, de spoorweg +geopend naar het zuidelijkste punt in de Sahara, een heel eind voorbij +Figuig, naar Colomb-Bechar, hetgeen op de nog voor zoo korten tijd +oproerige Bedouïnen een beslisten indruk gemaakt heeft. + +Rust heeft het gouvernement voor de provincie Oran en hare grenzen +noodig, rust en vrede voor hare reusachtige ontwikkeling. De hoofdstad +Oran is de eerste handelstad van de kolonie. Telde zij in 1866 +vier-en-dertig-duizend inwoners, dit aantal was in 1886 verdubbeld en +bedroeg in 1901 reeds over de 100,000. Slechts Amerikaansche steden +bieden hiervan een voorbeeld. De voorstad Karguentua is de eigenlijke +handelstad. Van daar uit wordt met de haven, die een deel uitmaakt van +de nieuwe Fransche stad, een druk verkeer onderhouden. Treinen stoomen +af en aan, en van 's morgens tot zonsondergang trekken de volgeladen +sleeperskarren, met 5 à 6 paarden voor elkander gespannen, in lange +rijen door de hoofdstraten naar de kaden. Want voor den uitvoer van +graan en wijn is de provincie Oran de belangrijkste. Ten Westen van +de Fransche stad ligt het oudste gedeelte van Oran, de vroegere +Spaansche stad, aan den voet van den steil uit zee oprijzenden, +barren Djebel-Mordjado, bekroond door het fort en de kathedraal van +Santa-Cruz. Niet alleen in de stad Oran, maar in de geheele provincie +is het Spaansche element sterk overwegend, geen gering punt van zorg +voor de regeering. Aan de haven en kaden, in de hoofdstraten, waar +het verkeer het drukst is, wemelt het van lieden uit de volksklasse +van allerlei slag, voerlieden, schepelingen, sjouwerlieden en +arbeiders, die zich door hun luidruchtig, schreeuwerig optreden +en barbaarsch, rauw klinkend mengelmoes van Spaansch en Arabisch +als niet-Franschen doen kennen. Vooral de koetsiers zien er met hun +kort geknipte stoppelbaarden en weinig verzorgde kleeding als echte +bandieten uit. Van vijf tot zeven uur in den namiddag heerscht er in +de hoofdstraten een vrij wat aangenamer drukte. Op de Promenade de +l'Etang, heerlijk aan zee gelegen, bewegen zich talrijke wandelaars +met hunne dames in lichte, kleurige toiletten, die komen luisteren +naar de militaire muziek in het Casino der officieren op de Place +d'Armes. Op den Boulevard Seguin, met fraaie, ruime winkelmagazijnen, +moet men voetje voor voetje gaan en heeft men ruimschoots gelegenheid +de Spaansche schoonen te bewonderen, die met kleinen, sierlijken +voet over de trottoirs schijnen te zweven en wier donkere, vurige +oogen en blauwzwarten haartooi op bewoners van noordelijker streken +zoo'n diepen indruk maken. Het Spaansche karakter, dat Oran zoo +sterk vertoont, is nog een overblijfsel uit vroeger eeuwen. Want +van 1509 af, toen de troepen van Kardinaal Ximenes Oran veroverden, +is de stad meer dan eens met tusschenpoozen geruimen tijd in 't bezit +der Spanjaarden geweest. Maar dat alles behoort tot het verleden, want +nooit konden zij er zich op den duur handhaven en het eenige monument, +dat aan de Spaansche bezetting herinnert, is het fraai uitgevoerde, +in steen gebeitelde Spaansche wapen boven de kasbah der stad. Maar +dit is door den tijd verweerd, geschonden, gebarsten en verbrokkeld, +een treurig beeld van alles wat Spanje hier en elders over de geheele +wereld ondernam op koloniaal gebied. + +Ver in 't Westen der provincie Oran, in de nabijheid der Marokkaansche +grens, ligt de oude emirstad Tlemcen, een heilige stad. Zij is in +zekeren zin voor Tunesië en Algiers, wat Mekka voor Arabië, en Fez +voor Marokko is. Eens de trotsche residentie van de machtige koningen +van Tlemcen, ging in de onophoudelijke binnenlandsche twisten veel +van haar ouden luister verloren, maar in tegenstelling met bijna alle +andere emir-residenties uit de binnenlanden, wist zij zich toch tot +in den nieuweren tijd staande te houden. Gelegen in een uitgestrekt +bergland, dat op sommige plaatsen een hoogte van bijna 2000 M. bereikt, +biedt zij door haar sterke muren en voordeelige ligging den Franschen +een welkom steunpunt in de nabijheid der Marokkaansche grens. Tlemcen +bezit eenige zeer merkwaardige gebouwen. + +De oude Medersa, Arabische school, is vervallen, maar werd door de +Fransche regeering gerestaureerd en is tot museum ingericht. Gesteund +door prachtige zuilen van onyx, bestaat het gewelf en de bogen +daarvan uit het fransche stucadoorwerk, met tallooze Arabische +spreuken, woorden en karakterteekens bezaaid. Het werken in stuc is +een kunst, waarin de Arabieren een hoogte bereikt hebben, die later +nooit overtroffen is en waarvan men vooral in Tlemcen en omgeving +de schoonste specimina kan bewonderen. Op sommige plaatsen zijn de +fijne krulletters bijna ter lengte van een vinger ingesneden. Dat +Tlemcen een heilige stad voor de Arabieren is, bemerkt men uit +de vele gekoepelde minarets, die boven de stad zelve en overal +boven de verschillende dorpen in de omgeving verheffen. De mannen +meten den giaour (christenhond) met somberen, trotschen blik, de +vrouwen wikkelen zich bij eene ontmoeting dichter in haren sluier of +wenden met een minachtend schoudergebaar het hoofd af. Het grootste +heiligdom in den omtrek is de moskee van Sidi-Bou-Medine, in het dorp +van dien naam op eenige uren van Tlemcen, dat men bereikt langs den +schilderachtigen waterval van de Mefrouch-el-Ourit, die zich schuimend +met breeden stroom in twee trappen in het dal stort. Het heiligdom +van Sidi-Bou-Medine is er een, een groot marabout waardig. Reeds het +trotsche voorportaal, weder geheel uit fijn bewerkt stuc opgetrokken, +wekt de hoogste bewondering, die nog stijgt als men den ruimen tempel +zelf binnentreedt, onder geleide natuurlijk. Een marmeren preekstoel en +een mihrab van stuc zijn van zeer ouden datum. De mihrab ontbreekt in +geen enkele Arabische moskee. Het is een boogvormige nis in den muur +aan de oostzijde van den tempel, naar den kant naar Mekka gekeerd, +waarheen de Arabier bij 't verrichten van zijn gebed het aangezicht +wendt. Aan de zoldering der moskee hangen talrijke kroonluchters van +glas en koper, waaronder sommige zeer oud en van hooge waarde. + +Ten Oosten van Tlemcen liggen, dicht bij de stad, de overblijfselen +van den ringmuur van het oude Mansourah. Met ruig struikgewas begroeid, +waaruit hier en daar afgebrokkelde kanteelen opsteken, omspannen zij de +stad in een wijden boog, doorsnijden vruchtbare akkers en schaduwrijke +olijfboomgaarden. Zij herinneren aan een episode uit den strijd +tegen de vijandelijke emirs, die zoo dikwijls het overheerschende +Tlemcen met verderf en verwoesting bedreigden. De emirs Yacoub en +Youssef belegerden de stad en hadden gezworen haar met den grond +gelijk te maken. Dapper verdedigd door den koning, werden echter +drie achtereenvolgende stormaanvallen afgeslagen. Toen bemerkten de +inwoners op zekeren morgen bij 't ontwaken, dat er om den ringmuur +hunner stad een tweede muur gebouwd was, die al hooger en hooger werd. + +Achter dien ringmuur verhief zich weldra de massieve toren eener +reusachtige moskee, daarna paleizen voor de belegerende emirs, huizen +voor hunne bevelhebbers, voor het voetvolk en voor de ruiterij, +stallen voor de paarden en ten slotte woningen voor allen, die zich +in de nieuwe stad kwamen vestigen. Want een stad was het, Mansourah +genaamd, die zich om het in 't nauw gebrachte Tlemcen, belegerd, +van alle verbinding afgesneden, in een omtrek van 3400 M. verhief, +een nieuwe stad, die aan de oude den dood gezworen had. Acht lange +jaren duurde de belegering. Maar het was niet het belegerde Tlemcen, +dat met den grond gelijkgemaakt werd, maar hare jeugdige, trotsche +mededingster. Zóó groot was de haat der inwoners van Tlemcen tegen de +overwonnen stad, dat zij na de verwoesting den inwoners op straffe +des doods verboden, ooit haren naam weder uit te spreken, en ook nu +nog durft de Arabier, die te midden der grootsche bouwvallen woont, +door den vreemdeling ondervraagd, nauwelijks met fluisterende stem +den naam "Mansourah" uitspreken. + +Maar, is Mansourah verwoest, ook de macht der koningen van Tlemcen +nam een einde, en met verbazing aanschouwt de vreemdeling de +overblijfselen van Bab-el-Karmdir, het oude paleis dier koningen, dat +eens een cyclopisch indrukwekkend bouwwerk geweest moet zijn, zooals +de verlaten ingestorte torens, muurstukken en bolwerken nog bewijzen. + +De geheele omgeving en de geschiedenis der oude emirstad Tlemcen +wekken bij den bezoeker eigenaardige gewaarwordingen en gedachten +op. Zij schijnt hem een beeld te zijn van het Mohammedanisme aan +Afrika's noordkust, van haren verdwenen invloed en heerschappij, +waarvan ook slechts bouwvallen over zijn. Is niet het beeld van +verwoesting aldaar hetzelfde, wat men overal in de streken van den +Islam aantreft, verdelging van alles wat niet tot haar behoort? En +doet niet dat Tlemcen, in zijn trotsche afzondering te midden van +bijna ontoegankelijke bergen, met zijn fanatieke, zelfgenoegzame, +indolente bevolking, met de torens van zijn eeuwenoude moskeeën, +zijn graven van marabouts en heiligen, met al de bouwvallen van zijn +vroegere grootheid, denken aan het Mohammedanisme, dat ook meende, +dat het steeds op de hoogte van zijn macht zou blijven tronen en dat +de loop der geschiedenis, de stroom der wereldgebeurtenissen steeds +aan hetzelve zouden voorbij gaan. Maar de wereldgeschiedenis stoort +zich niet aan 't geen de volken willen, maar vervolgt onweerstaanbaar +haren loop. Zoo verdween de Muzelmansche heerschappij, om plaats te +maken voor de Christelijke, de Westersche, de Fransche. En geenszins +ten nadeele van land en volk. Want als er één indruk, één waarheid is, +die de vreemdeling bij zijn vertrek uit Tunis en Algiers medeneemt, +dan is het wel deze, dat de Fransche bezetting voor die landen een +zegen is. Voor land en volk beiden. Door het zwaard gewonnen, hebben +de Arabieren deze landen ook weder door het zwaard verloren. Maar +de Franschen hebben van hun overwinning een geheel ander, een beter +gebruik gemaakt, dat in den loop der jaren land en volk tot heil, hun +zelven tot eer, de menschheid en de beschaving tot voordeel geweest is. + + + +Pondichéry, hoofdstad van Fransch-Indië. + +Naar het Fransch van G. Verschuur. + + Pondichéry, moeilijk te naderen over zee.--Witte stad en + Indische stad.--Het Regeeringspaleis.--De hôtels in onze + koloniën.--Engelsche enclaves.--De bevolking; de kinderen. + --Bouwkunst en godsdienst.--Handel.--De toekomst van + Pondichéry.--De markt.--De scholen.--Politieke koortshitte. + + +Een klein strookje gronds vertegenwoordigt op dit oogenblik het +belangrijkste gedeelte van 't geen Frankrijk heeft weten te behouden +uit zijn oud Indisch Rijk, dat thans een der machtigste koloniën van +de britsche kroon is. Op die alluviale strook gronds ligt de stad +Pondichéry, hoofdstad der fransche bezittingen, waarvan de groote +Dupleix zich gansch andere horizons gedroomd had. + +Het bescheiden grondgebied van Pondichéry omvat niet meer dan 29145 +H.A. De dépendances van wat men gewoonlijk Fransch-Indië noemt, zijn +de volgende vier: Chandernagor, Karikal, Mahé en Yanaon. Zij liggen +verspreid over verschillende deelen van het groote schiereiland, +de drie laatstgenoemde op korten afstand van het grondgebied van +Pondichéry, het eerste in de onmiddellijke nabijheid van Calcutta. + +De gouverneur der Fransche nederzettingen in Indië woont te Pondichéry, +maar zijn ambt brengt mee, dat hij zich dikwijls moet verplaatsen naar +de verschillende andere fransche plaatsen, waar de leiding der zaken in +handen is van administreerende ambtenaren, die aan hem ondergeschikt +zijn. Het spreekt vanzelf, dat er verscheiden lagere ambtenaren zijn, +dat er een Plaatselijke Raad is evenals een Algemeene Raad, dat de +kolonie te Parijs een afgevaardigde in den Senaat heeft, zoowel als +in de Kamer, en dat op het grondgebied van Pondichéry de politiek +de spil is, waarom alles draait en de voortdurende zorg van iederen +dag. Wij zullen nog wel meer een woordje te zeggen hebben over die +noodlottige politiek, dien knagenden kanker, waarvan zeker geen enkele +fransche kolonie zooveel te lijden heeft als dat arme Pondichéry. + +Laat ons eerst voet aan wal zetten, wat niet altijd gemakkelijk +gaat, als men, zooals met mij 't geval is, over zee aankomt. Daar de +golven dikwijls hoog gaan op de reede, kan de ontscheping soms zoo +moeilijk zijn, dat het onmogelijk wordt, gemeenschap met de kust te +krijgen. Het is vaak gebeurd, dat ten gevolge van het stormachtige +weer de paketboot, die Pondichéry aandoet op haar reis heen en +terug tusschen Colombo en Calcutta, niet met den wal gemeenschap kon +krijgen en zich genoodzaakt zag, met passagiers en lading haren weg +te vervolgen. Weinige jaren geleden heeft dat geval zich driemaal +achtereen voorgedaan. Met platboomde vaartuigen, _chelingues_ +genoemd, die geen inhouten (ribben) hebben, nadert men de kust. Er +wordt aangelegd bij een pier, die 252 M. lang is en recht in zee +vooruitsteekt; staat de zee hoog, dan heeft men de behendigheid van +een acrobaat noodig, om zijn evenwicht te bewaren bij het vastgrijpen +van het touw, waarmee men de ladder kan bereiken. Om aan dien last te +ontkomen, geeft de toerist er veelal de voorkeur aan, zich per spoor +naar Pondichéry te begeven, want de kolonie is sinds 1877 aan het +groote Engelsch-Indië verbonden en staat door zijlijnen in verbinding +met de van Frankrijk afhankelijke gebieden. + +Pondichéry is een vrijhaven. Levensmiddelen en koopwaren van allerlei +streken afkomstig, mogen over zee binnenkomen en uitgaan, zonder +eenige douanerechten te betalen, onverschillig onder welke vlag +zij varen. Alleen zout en opium zijn van deze gunstige beschikking +uitgesloten, want bij verdragen zijn die voortbrengselen verboden; +noch de productie ervan noch de handel erin zijn geoorloofd. + +Moet ik de geschiedenis in herinnering brengen? Pottoutchéri +of Poultchéri, het "nieuwe dorp", door menschen van hooge kaste +Poudou-nagar of "Nieuw Kasteel" genoemd, is in 1693 gekocht van koning +Vidjayanagar door den beroemden commandant Martin, ter vergoeding voor +Sint-Thomas, waarvan de Hollanders zich hadden meester gemaakt. Het +dorpje van paria's nam snel toe in grootte en werd het middelpunt van +een aanzienlijke handelsbeweging trots de wederwaardigheden van zijn +politieke geschiedenis. + +Al dadelijk in den aanvang werd het door de Hollanders vermeesterd; +maar in 1699 werd het ons teruggegeven. Daarna werd het viermaal door +de Engelschen belegerd; admiraal Boscawen werd in 1748 teruggeslagen +door Dupleix; in 1760-61 gaf Lally-Tolendal, door hongersnood +gedwongen, zich over, na een hardnekkigen tegenstand te hebben geboden, +en de vrede van Parijs in 1763 herstelde ons in het bezit van de stad. + +In 1778 maakten de Engelschen zich er opnieuw van meester, om de stad +in 1785 bij den vrede van Versailles terug te geven en haar daarna +voor de derde maal in 1793 te veroveren. Voor goed herkregen wij deze +bezitting in 1816-17, met verbod er eenige versterking aan te leggen +of er een andere gewapende macht te onderhouden dan de politie. + +De stad is in twee deelen verdeeld, de witte stad en de indische stad, +door een gracht gescheiden. De eerste, aan de oostzijde en aan zee +gelegen, is regelmatig gebouwd; de straten zijn breed en recht, wat +ook het geval is met de tweede, die echter over grooter uitgestrektheid +zich uitstrekt. + +Ik kende Pondichéry, doordien ik er op een vroegere reis een week +had doorgebracht, en met waar genoegen zette ik er weer den voet +op vasten grond, na mijn aankomst aan die lange pier van slecht +ineengevoegde planken. Sinds mijn vorig bezoek was het aanzien +der plaats niet veranderd. Ik zie weer het nog al indrukwekkende +standbeeld van den grooten Dupleix, dat dichtbij het strand zich +verheft, en na eenige honderden meters te zijn voortgegaan, bereik +ik het Gouvernementspaleis, waar de tegenwoordige bewoner, dien ik de +eer heb te kennen, mij gastvrijheid heeft aangeboden. Ik voel er mij +te huis, want in de prettige kamer, die voor mij in orde gebracht is, +heb ik ook eenige jaren vroeger gelogeerd. + +Het Gouvernementspaleis te Pondichéry is een alleraardigste residentie, +en de gouverneur, de heer Lemaire, is er, evenals zijn beminnelijke +echtgenoote, veel meer naar zijn zin dan in het sombere huis, dat ze +twee jaren geleden op Martinique bewoonden, waar ik 't genoegen had +hun een bezoek te brengen. De ligging en de indeeling van het huis +zijn uitstekend; het lange balkon, dat langs de groote ontvangzaal +loopt, biedt een verrukkelijk uitzicht over een groote, vierkante +ruimte, aan de overzij begrensd door een rij sierlijke en regelmatige +gebouwen, en als men er 's avonds gemakkelijk is gezeten, geniet +men met welbehagen dien verrukkelijken geur der tropische landen, +die een temperatuur bezitten, door 't verdwijnen van de zon heerlijk +en verkwikkend geworden. + +Het klimaat van dit gedeelte van Indië is over 't geheel gezond. In +gewone tijden is de gemiddelde temperatuur 30° C. over dag en 26 +'s nachts. In de maanden December en Januari daalt zij tot 3 à 5° +C. over dag, terwijl van Mei tot September de thermometer tusschen 32° +en 40° C. staat; dat is de periode van de zeer heete westenwinden, die +op onaangename manier de lucht oververhitten. Het droge jaargetijde +duurt van het begin van Januari tot omstreeks den 15_den_ October; +de rest van het jaar heet dan de winter. In 't algemeen gesproken, +regent het zelden in dit deel van Indië; slechts in November en +December komt nog al dikwijls regen voor. + +Als men te Pondichéry een zindelijk en goed verzorgd hôtel vond, +dat bij een goede keuken voor het moderne comfort zorgde, zou ik niet +aarzelen, de stad een zeer aantrekkelijk verblijf te noemen voor de +europeesche wintermaanden, wanneer zooveel menschen zich afvragen, +in welk hoekje van de wereld men aangenaam verblijven kan in zachte +lucht. Ongelukkig ontbreekt dit materiëele gerief; de beide hôtels, +die men er vindt, zijn beneden het middelmatige, en als men niet +van de gastvrijheid van bloedverwanten of vrienden kan genieten, +zal men er niet gauw toe komen, er eenigen tijd te vertoeven. + +Het gebrek aan goede hôtels in de koloniën is onbetwistbaar een +hinderpaal voor de ontwikkeling van het toerisme. De Engelschen hebben +dat goed begrepen; nemen wij als voorbeelden de eilanden van de keten +der Antillen en de engelsche bezittingen in Azië. Op Trinidad, Jamaica, +Ceylon, in geheel Indië vindt men prachtige hôtels, even comfortabel +als ergens in Europa, en wat zien wij op Martinique, Guadeloupe, te +Nouméa, op Bourbon? Niets dan bescheiden herbergen! Daaruit volgt, +dat geen enkel toerist, die niet door een vriend is uitgenoodigd, +er langer blijft dan volstrekt noodig is. De arme stad Saint-Pierre +maakte in zekeren zin een uitzondering op den regel; men had er twee +nette, goed ingerichte en goed bestuurde hôtels, maar de uitbarsting +van den Mont-Pelé heeft ze voor altijd gesloten. + +Al wandelend, nu eens door de stad zelve, dan in de omstreken +van Pondichéry, is het mij, of ik in een aardig provinciestadje +ben of ergens buiten, waar het mooi is. De woningen zijn sierlijk, +getuigen van een zekeren welstand en hebben een zindelijk voorkomen, +dat in verschillende andere koloniën ontbreekt. De gouverneur is zoo +goed geweest, een tweewielig wagentje, _pousse-pousse_, te mijner +beschikking te stellen, dat ik dikwijls in den morgen gebruik, en een +victoria, waarmee ik grooter afstanden kan afleggen, 's Avonds vóór +het diner zijn de heer en mevrouw Lemaire zoo vriendelijk, mij per +rijtuig in verschillende richtingen den omtrek te laten zien. + +Wat die ritjes wel merkwaardig maakt is, dat ik nu eens over fransch +dan over engelsch grondgebied voortrol, en in een minimum van tijd dien +overgang verscheiden malen maak. Het grondgebied van Pondichéry is +door het tractaat van 1816 op de zonderlingste manier verdeeld, toen +de kolonie na verscheiden malen in engelsch bezit te zijn overgegaan, +voor goed aan Frankrijk kwam. Overal, tot voor de poorten der stad, +zijn enclaves van britsch grondgebied in het fransche land uitgesneden, +zóó, dat de Engelschen juist die hooge stellingen bezitten, die +geschikt zijn voor de plaatsing van batterijen. Hier behoort de weg +aan Engeland, terwijl de slooten onder fransche jurisdictie staan; +ginds behoort een waterplas tot Madras, terwijl het land, dat er door +geïrrigeerd wordt, onder Pondichéry ressorteert. Er is zelfs ergens +een stuk gronds, welks eigenaar onbekend is. De Engelschen zijn +bekwame politici; bij de sluiting van het tractaat van 1816 hebben +zij zich er niet mee tevreden gesteld, aan de fransche regeering de +verplichting op te leggen, nergens eenige versterking aan te leggen +en geen gewapende macht te onderhouden buiten de politie, maar zij +hebben ook het middel gevonden, het terrein zoo te splitsen en in +stukken te deelen, dat er hoeken volkomen onverdeeld zijn gebleven. + +Wat mij onbegrijpelijk voorkomt is, dat na het dîner de stad geheel +uitgestorven is. Men strekt zich gemakkelijk uit op zijn balcon of in +zijn tuintje, maar gaat niet uit, en men schijnt er geen prijs op te +stellen, op de pier of aan het strand de zuivere versterkende zeelucht +te gaan inademen. Het is mij tweemaal gebeurd, dat ik 's avonds ging +wandelen en lange overpeinzingen hield op een bank van de pier; maar +ik heb geen enkelen Europeaan ontmoet. Alleen een inboorling heeft +mij aangesproken in een taal, die ik niet verstond; waarschijnlijk +vroeg hij een aalmoes. + +Een dame, die ik den volgenden dag ontmoette en wie ik mijn verbazing +te kennen gaf over die wonderlijke afzondering, begreep niet, wat +ik voor bekoorlijks vinden kon in die rust van het tropische land +en dat gemis aan afleiding. Voor haar was het een leven als in de +hel; hoe miste ze haar Parijs! Ik heb later gehoord, dat haar man, +die ambtenaar was, verlof had gevraagd, daar zijn vrouw het klimaat +niet kon verdragen! Trouwens men zou een merkwaardig boek kunnen +schrijven over die quaestie van de verloven in de koloniën, alsook +over de verschillende redenen, die de belanghebbenden aanvoeren, +om ze te krijgen. + +De bevolking van Pondichéry is zachtzinnig, onderdanig en beleefd. Welk +een treffend verschil met den onaangenamen neger, dien ik zoo dikwijls +heb bestudeerd op de Antillen en elders! Het zijn zelfs sympathieke +menschen, als men ze aan 't werk ziet op het veld, of hen gadeslaat +bij hun kleinhandel, rustig loopend zonder geraas te maken. De kinderen +kruipen over den grond, scharrelen langs de wegen tusschen de kippen, +en zijn talrijk in de struiken als de konijnen in Australië. Ik kan +niet laten, hen juweeltjes te noemen, als ik denk aan de europeesche +kinderen, die mij de laatste drie maanden het leven vergald hebben op +twee booten van de _Messageries Maritimes_. Die indische kinderen zijn, +net als maleische, chineesche en japansche, lief en aardig, schreien +nooit, en of er vijf of vijftig onmiddellijk bij u in de buurt zijn, +ge bespeurt hun aanwezigheid nauwelijks. Ik zie ze met genoegen aan, +die kleine onschadelijke negertjes, naakt als wormen, en die als eenig +kleedingstuk een touwtje om de lenden dragen, waaraan in 't midden +een soort van medaillon hangt bij wijze van vijgeblad, meestal uit +metaal vervaardigd, koper, zilver of goud, al naar het vermogen der +ouders. Wat heb ik hun vaak stuivers en lekkers toegegooid en wat +had ik een schik in hun lachende gezichtjes! + +Men kan merkwaardige zedenstudies maken in die landen van overzee, waar +godsdienst en gebruiken zooveel van de onze verschillen. Verscheiden +malen reden wij 's avonds vóór den eten langs begrafenissen, waarvan +de schikking tot vermakelijke verrassingen aanleiding gaf. Eens +gingen we voorbij den stoet van een inlandsche vrouw van katholiek +geloof. Zij lag in groot toilet, met bloemen en sieraden getooid en +met zorg gekapt, op een, door de familie gedragen paradebed. Van een +doodkist was geen sprake. Ze gingen haar eenvoudig aan den schoot +der aarde toevertrouwen en haar met zand bedekken. Een anderen keer +zagen we een mohammedaansche begrafenis, door zang en muziek begeleid. + +Het aantal tot den christelijken godsdienst bekeerde Indiërs is +nog slechts zeer gering. De groote meerderheid der inboorlingen +heeft den eeredienst van het Brahmaïsme bewaard, waar luidruchtige +feesten, processies met tamtams en andere muziekinstrumenten, die +een helsch lawaai maken, bij behooren. Den dag na mijn aankomst is +er een groot feest bij een Brahmaan van aanzien, waar de gouverneur +genoodigd is. Op het oogenblik, dat ons rijtuig vóór de woning +van den jubilaris stilhoudt, laat zich de _Marseillaise_ hooren, +en men voert ons naar de voor ons vrijgehouden zetels. Er wordt op +onze knieën een reuzenbouquet gezet, die misschien wel een meter +in omtrek is, en men hangt ons een krans van bloemen om den hals, +die ons niet weinig prikkelt. De locale kleur, versterkt door de +opgewonden uitroepen van de menigte, is typisch; maar de geuren, +die uit het publiek opstijgen, laten veel te wenschen over, te meer +daar bijna zonder uitzondering allen naakt zijn, op het vereischte +bandje of touwtje na. IJs en ijskoude dranken gaan overvloedig rond; +de warmte in de beperkte ruimte wordt ondragelijk; het is tijd dat +wij ons rijtuig en de open lucht weer bereiken. + +Er zou tijd en veel geduld noodig zijn, om het verschil te leeren +kennen in de gewoonten en wetten en maatschappelijke vormen, geldend +voor de onderscheiden kasten van Brahmanen, en die hen in streng +afgesloten klassen splitsen. De een zal nooit dit doen, de ander +nooit dat; een handwerk, door deze kaste uitgeoefend, mag door een +andere kaste niet worden ter hand genomen. De taak voor iedere kaste +is zoo nauwkeurig voorgeschreven, dat het bepaald absurd wordt in +onze oogen, en het komt mij voor, dat er zelfs voor deze menschen een +lange, moeilijke leertijd wordt vereischt, als zij zich niet zullen +schuldig maken aan eenige inbreuk op de velerlei voorschriften van +hun godsdienst. + +Bouw- en beeldhouwkunst hebben het in de gebouwen, die aan den +hindoeschen en den brahmaanschen godsdienst zijn gewijd, tot een +zeldzame hoogte gebracht. Vele auteurs hebben ze reeds beschreven; +maar toch schijnt het ons van belang, erop te wijzen, dat die van Indië +door de artistieke zijde van hun architectuur en den rijkdom van hun +versiering uitmunten boven vele tempels, die wij in andere landen +van Azië hebben kunnen bezoeken. Men vindt wel niet te Pondichéry +zulke prachtige tempels als te Tanjore, Trichinopoly en Madura, maar +dat neemt niet weg, dat die van Villenour en andere plaatsen in den +omtrek een nauwlettend bezoek verdienen. + +Ik ben verscheiden malen naar dien van Villenour gegaan, die op +eenige kilometers afstands van de residentie is gelegen. Een zeer +groote wagen of kar onder een breed afdak, die nu en dan dienst doet +bij processies voor den eeredienst, geeft blijk van de bekwaamheid +van deze inboorlingen en hun kunstvaardigheid in het handwerk. Die +wagen, geheel van hout gemaakt, stelt een gansche boeddhistische +geschiedenis voor, door middel van fijne werktuigen gegraveerd in +vierkante blokken van dezelfde afmeting en aan elkander sluitend met +onberispelijke symmetrie. Het gewicht van het geheel moet verbazend +zijn, want op de hooge feestdagen zijn er 1200 à 1500 menschen noodig +om het kolossale voertuig te trekken. + +De kunstvaardigheid van deze inboorlingen is nog niet verloren gegaan, +zooals men geneigd zou zijn te veronderstellen, als men bespeurt +dat al die indische tempels tot de oudheid opklimmen, en dat men in +onze dagen nooit eens den bouw van een nieuw, even grootsch bouwwerk +bijwoont. Ik heb er het bewijs van gezien, toen de gouverneur mij +naar een plaats bracht dichtbij Villenour, waar wij een wagen zagen, +die bijna af was en met evenveel talent vervaardigd was, als die uit +voorbijgegane tijden. + +Het ware meesterstuk, dat wij voor oogen hebben, is uit zeer hard +hout gesneden en stelt met merkwaardige fijnheid een boeddhistische +processie voor, waarvan ons de beteekenis natuurlijk ontgaat, maar +die ons met bewondering vervult. Een inlandsch beambte legt ons uit, +dat er ten minste 500 menschen zullen noodig zijn, om den wagen te +trekken. Hij laat ons het touw zien, dat men zal moeten gebruiken; +het is zoo dik als een reuzenslang. Wij waren het niet alleen, die in +verrukking raakten over dit mooie werk; een hoop kinderen omringde ons +en was vervuld van eerbied. Ik vermoed, dat de heer Piot voldaan zou +zijn over een bezoek aan een land, waar zijn leer zooveel aanhangers +heeft gevonden. + +Wat Pondichéry en de grond, die er bij behoort, aan +landbouwvoortbrengselen opleveren, beteekent weinig. De geheele +uitvoer heeft slechts een waarde van 27 à 28 millioen francs; katoenen +weefsels zijn daarin opgenomen voor een som van bij de 9 millioen +en de aardnoten voor 15. Volgens het jaarverslag van 1904 hebben 48 +stoombooten van verschillende nationaliteit 581562 zakken aardnoten +ingenomen van 75 kilo per zak. De aardnoten worden ook in den vorm +van aardnotenkoeken uitgevoerd. Verleden jaar is de uitvoer van dit +artikel gestegen tot een totaal bedrag van 4376 ton, hetgeen een waarde +vertegenwoordigt van bij de 400,000 francs. Daarna volgen de katoenen +weefsels, die in de laatste statistiek voorkomen voor de som van bij +de 9 millioen; de rijstsoorten voor 2 1/4 millioen en de huiden voor +1 1/2 millioen francs. De andere uitvoerartikelen bereiken slechts +een onbeduidend cijfer. Er wordt een kleine hoeveelheid vanille +uitgevoerd, zooals ook kokosnoten en vruchten. Het verbouwen van +aardnoten heeft in den laatsten tijd een groote vlucht genomen en zou +nog aanmerkelijk kunnen toenemen. Die handel is voortaan een zaak van +gewicht voor Fransch-Indië, daar Pondichéry voor die oliehoudende +zaden een groote opslagplaats geworden is, die niet enkel gevoed +wordt door de directe voortbrenging in de buurt; reeds beginnen de +producten uit de omliggende engelsche bezittingen toe te stroomen, +waardoor de handelsbeweging vertienvoudigd wordt. + +De landbouwers uit het Zuiden van Indië, vooral uit de provincie +Tanjore en uit de omstreken van Trichinopoly maken meestal voor hun +verzendingen gebruik van Pondichéry, daar het de beste haven van de +kust is, minder dan Madras aan cyclonen blootgesteld. De laatste, +waarvan men de herinnering nog heeft behouden, is die van 1863; +zeven schepen, die op korten afstand van het strand ten anker lagen, +werden verzwolgen bij de groote ramp. + +Wat de vanille aangaat, men is er met de cultuur nog pas sinds een +dozijn jaren bezig; vrij groote velden zijn ermee beplant in den +Kolonialen Tuin, waar de onderdirecteur mij wel de inlichtingen wil +geven, die mij belang inboezemen. In het begin had men met groote +zorgeloosheid te strijden. De inboorlingen, die bij het kweeken van +het kostbare gewas gebruikt worden, moeten voortdurend onder toezicht +zijn; in het begin lagen massa's vanille in kisten te verrotten, alsof +er een hoop hooi in lag. De tegenwoordige gouverneur heeft er orde +op gesteld, zooals uit de verkregen resultaten blijkt. De vrucht van +Pondichéry is dunner dan die uit Mexico en van Réunion, maar de geur +der stokjes doet naar mijne meening niet voor de andere onder. De +vanille wordt hier voor tien roepijen, dat is 17 francs, per kilo +verkocht. Er zijn te Pondichéry kweekers met een ruim geweten, die hun +welverzorgden en goed ingepakten oogst naar Bourbon hebben gezonden, +om van daar als echte Bourbonvanille naar Europa te worden verscheept. + +De geheele bevolking van de fransche nederzettingen in Indië bedroeg +op 31 December 1903 het aantal van 273748 inwoners, onder wie slechts +1408 Europeanen, en wel 492 mannen, 546 vrouwen en 370 kinderen. De +europeesche bevolking wisselt natuurlijk voortdurend, daar de meesten +slechts zeer kort in de kolonie blijven. Dit geldt vooral van de +ambtenaren en hun gezinnen, wier _chassé-croisé_ over alle oceanen +voldoende bekend is. Het aantal Europeanen of kleurlingen, die er +wortel hebben geschoten en behagen vinden in de carrière, welke zij +hebben gekozen, of in den handel, waarin zij bezig zijn, is slechts +zeer klein. Men kan de vooroordeelen van een volk niet veranderen, +zoo min als de begrippen, die gangbaar, zijn in het moederland. Een +kolonie is nu eenmaal een oord van ballingschap, en het klimaat moet er +noodzakelijk ongezond zijn. En hoeveel menschen, veroordeeld om in het +land, dat hen heeft zien geboren worden, te leven in een voortdurenden +strijd ter verkrijging van de meest dringende levensbehoeften, +zouden zich een veel vrijer en ruimer bestaan kunnen verschaffen, +als zij, zoo zij vlijt en volharding bezaten, besloten het routinejuk +af te schudden, en iets te ondernemen, 't zij landbouw of handel, +in landen van onbetwistbare vruchtbaarheid, waar men nog zooveel +handen kan gebruiken! Voor den groothandel, de banken, industriëele +ondernemingen zouden er onmetelijke velden te exploiteeren blijven. + +Wij behoeven slechts een afstand van 160 kilometer per spoor af +te leggen, om Madras te bereiken, gelegen aan diezelfde kust van +Coromandel, en we stappen uit in een groote handelsstad, waar het +drukke leven zich in allerlei vormen voordoet, en waar men alles +kan genieten, wat een bloeiende europeesche stad aanbiedt. Bombay en +Calcutta zijn evenals veel steden van het Uiterste Oosten volkrijke, +bloeiende centra, die in niets onderdoen voor de groote steden +van onze oude wereld, en zij, die er zich gevestigd hebben in den +handel, het bankwezen of de industrie, klagen niet over de zoogenaamde +ballingschap. Trouwens in veertien of achttien dagen voeren de trein +en de paketboot hen naar den geboortegrond terug voor een kleine +vacantie, waartoe gemakkelijk besloten wordt door die inwoners, +wier middelen hun de onbeteekenende verplaatsing toestaan. + +Als men het leven van den inboorling nagaat met het oog op zijn +behoeften en zijn intellectueele ontwikkeling, moet men wel inzien, +dat hij veel gelukkiger is dan menig Europeaan of kleurling, die +verkeert in wat wij overeengekomen zijn, beter levensomstandigheden +te noemen. Wij vinden hem doorgaans vroolijk en tevreden; hij klaagt +zelden, leeft op de primitiefste manier, wonend in een krotje of hutje +met zijn meestal talrijk gezin, zich dekkend met een strook stof, +die hem eenige stuivers heeft gekost, zich op de soberste manier +voedend met de producten, die hij dikwijls zelf verbouwt zonder zorg +voor den komenden dag. Is zoo'n man uit philosofisch oogpunt niet +veel gelukkiger dan de meesten onzer? + +Een van mijn grootste genoegens in de koloniën bestaat in een +bezoek aan de markt, dien levenden kaleidoscoop, die altijd een +verschillend veld van waarnemingen is, al naar de omgeving waarin men +zich bevindt. De markten van Indië bieden niet zoo'n weerzinwekkend, +kwalijk riekend schouwspel als de markten in negerlanden. De menschen +zijn er minder vuil en maken minder leven dan de zwarten van de +Antillen of Zuid-Amerika; zij passen met hun bonte doeken bij hun +omgeving, die niet zoo carnavalachtig is als ginder. Rood is de meest +geliefde kleur; men zou bijna kunnen zeggen de eenige, door mannen +en vrouwen gedragen, zoowel wanneer zij zich een groot deel van het +lichaam bedekken, als wanneer ze zich tot een eenvoudigen band bepalen, +aangebracht naar de wetten der welvoegelijkheid. + +Hier ook weer is er geen gebrek aan kinderen; maar de ouders behoeven +zich niet om hen te bekommeren, want het talrijk kroost kan het goed +vinden met de kippen aan den weg, en verdwaalt niet in de drukke +menigte. Wat ik vurig hoop voor de inlandsche bevolking van Pondichéry +en zelfs voor heel Indië, is dat men er de invoering van automobielen +verbiede, die er zeker spoedig veel kwaad zouden stichten. Ten tijde +van mijn verblijf in de kolonie had een parijsch automobielfabrikant +zich tot een ambtenaar in Pondichéry gewend, om inlichtingen te +erlangen omtrent de mogelijkheid, het moordend instrument er in te +voeren. De inboorling heeft de betreurenswaardige gewoonte, altijd +op het midden van den weg te loopen, en zelfs als men in een gewoon +rijtuig zit, moet men herhaaldelijk roepen, om hem naar den een of +den anderen kant van den weg te doen gaan; wat de kinderen betreft, +ze loopen voortdurend gevaar, in stukjes te worden gereden. Nergens +ter wereld hebben de koetsiers zulk een moeilijke taak bij het mennen +van hun paarden. Wat zou er gebeuren, als men op een dag den invoer +van die wagens toeliet, die, al zouden ze enkele bevoorrechten +gelukkig maken, een moorddadige werking zouden uitoefenen en de +bevolking zouden decimeeren! De Europeaan zou, ook al kon bij zich +bergen en zijn bestaan verdedigen, oproerige kreten uiten bij het +zien van het monster, vooral om den aard van den grond. De bodem in +het zuiden van Indië verkruimelt tot een rood poeder, dat bij het +geringste zuchtje van den wind in wolken opvliegt. Nu reeds in onze +europeesche landen het stof, door dit middel van vervoer opgejaagd, +vrij gerechtvaardigde klachten doet rijzen, zou men te Pondichéry +ware wanhoopskreten slaken. Hoe dikwijls is het mij gebeurd, dat ik +na een wandeling van een paar uur moest constateeren, dat mijn wit +costuum een saffraan kleurige tint had gekregen! + +De heer Delale, hoofd van het openbaar onderwijs, is zoo welwillend, +mij tot gids te strekken bij het bezoek, dat ik mij voorgesteld had +te brengen aan de voornaamste scholen van de stad. De quaestie van +het onderwijs, dat in de koloniën aan de inlandsche bevolking wordt +gegeven, heeft mij altijd veel belang ingeboezemd en leidde mij tot +merkwaardige vergelijkingen. Er zijn koloniën, waar het oprechten +lof verdient, en andere, waar het, eerlijk gezegd, bedroevend is, +waar het op niets, op geen onderwijs neerkomt. Te Pondichéry, waar +verscheiden scholen zijn, heb ik aan vijf een bezoek gebracht. Het +onderwijs staat onder het toezicht van een zeer intelligenten leider, +die uitstekend samenwerkt met den gouverneur. Wat mij het meest heeft +getroffen, is de practische manier, waarop de onderwijzers in de +jeugdige hersens de dingen doen doordringen, die hun onderwezen moeten +worden, niet door het domme systeem van machinaal de kinderen zinnen +te laten herhalen, die ze niet begrijpen, maar door het kraantje van +hun intelligentie te openen door verklaringen, die ze kunnen vatten, +en die ze daarom niet vergeten. In die verschillende scholen ga ik door +alle klassen heen en vraag verlof, die kinderen te mogen ondervragen, +die toeval of intuïtie mij doen kiezen, daar ik altijd de keus van een +onderwijzer een beetje wantrouw in de gevallen, dat de school aan een +bezoeker moet worden vertoond. Het is mij aangenaam te kunnen zeggen, +tot eer van den heer Delale, dat het bezoek aan die inrichtingen +te Pondichéry zeer goede herinneringen bij mij heeft achtergelaten, +en dat het te wenschen ware, dat men in enkele andere koloniën zijn +goede methode volgde en tevens het aanhoudende toezicht, dat hij +uitoefent in het hem toevertrouwde departement. + +In de laatste school, die ik bezocht, en die alleen voor jonge +meisjes bestemd is, woonde ik verschillende naailessen bij, waar het +werk op zeer lofwaardige wijze werd gedaan. Ik ben verbaasd over de +gemakkelijkheid, waarmee die meisjes in goed Fransch antwoorden op +de vragen, die ik tot haar richt. In Engelsch-Indië had ik in twee +scholen kunnen opmerken, dat de kinderen zich bijna alleen in hun +moedertaal konden uitdrukken, doorspekt met enkele engelsche woorden, +verhaspeld op een wijze, die ze onbegrijpelijk maakte. + +Ach, indien het mogelijk was, al die kinderen in hun vroegste jeugd +te doen begrijpen, dat er een studie is, waar de hersens door in de +war raken en die de rust des levens verwoest, zou dat een weldaad +zijn voor de kolonie! Ik heb het oog op de politiek, die dit arme +land verwoest, de ontwikkeling tegenhoudt en op betreurenswaardige +wijze de europeesche bevolking verdeelt. + +Ik wil liever niet stilstaan bij de pijnlijke zijden van de politiek, +waar zij tot minder fraaie resultaten leidt en vooral vroeger +geleid heeft.... Buitendien, niet enkel in Indië houdt men zich +op met verkiezingspraktijken die afkeurenswaardig en verderfelijk +zijn. Er zijn in Frankrijk ook steden bekend, waar de kiezers zich +tot voorbeeld schijnen te stellen wat er plaats grijpt om en bij de +stembussen van de hoofdstad onzer indische bezittingen.... + +De grappige kant van de zaak is de terugslag der politieke meeningen +op de onderlinge betrekkingen van de Europeanen, die te Pondichéry +gevestigd zijn. Ik heb daar merkwaardige herinneringen aan behouden, en +ik kan geen weerstand bieden aan den lust er enkele van mee te deelen. + +Een ambtenaar, pas ontscheept in de kolonie, brengt een bezoek aan den +heer A, maar kan, daar hij den volgenden dag ongesteld wordt, niet naar +den heer B gaan.... Hij wordt dadelijk door dien laatste beschouwd +als te behooren tot een hem vijandelijke clan en op zij geschoven; +men vertrouwt hem niet. Een ander ambtenaar, die op dezelfden dag +gezien is geworden in gesprek met twee menschen van tegengestelde +politieke overtuiging, wordt door beide voor een halve gehouden, +een middenman, dien men goed zal doen te mijden. + +Aan de zijde der dames werkt de jaloezie met de allernietigste +argumenten, de ongerijmdste voorwendsels, waarbij dan een gebabbel +komt, zoo als men zich bijna niet kan voorstellen. Een dame uit +Pondichéry heeft mij verteld, dat men vond dat zij haar rang niet +voldoende kon ophouden, omdat zij in plaats van een pousse-pousse te +nemen (kosten 20 centimes) te voet een boodschap was gaan doen op 100 +M. afstands. Het schijnt wel, dat een vrouw die zichzelve respecteert, +in dat land in 't geheel niet mag loopen! + +Een tocht naar Karikal en naar Mahé, die betrekkelijk niet ver +van Pondichéry liggen, lachte mij niet toe. Daarentegen heb ik, +toen ik eenigen tijd vóór mijn bezoek aan Zuid-Indië in Calcutta +vertoefde, een uitstapje gemaakt naar Chandernagor, slechts op een +uur afstands per spoor verwijderd van de hoofdstad der engelsche +bezittingen. Chandernagor, gebouwd op den rechteroever van de Hoogly +aan een schilderachtige baai, herinnert aan de schoonste tijden +van de fransche heerschappij in Indië. De stad heeft gedurende de +geheele eerste helft der 18_de_ eeuw de schepen bij honderden aan +haar kaden ten anker zien komen; daar zetelde de gansche handel van +Bengalen. Zij heeft haar voorspoed zien verdwijnen door de opkomst +en de groote ontwikkeling van Calcutta. Maar nog is het een stad, +die indruk maakt, een aardige plaats met breede, rechte straten en +sierlijke huizen. Verscheiden ruïnen van paleizen en tempels getuigen +van den vroegeren luister. Het grondgebied is niet zeer groot, +namelijk 6 K.M. over de grootste lengte bij een breedte van 2 K.M., +een oppervlakte van 1000 H.A. Het klimaat is er, dank zij den meren +en bosschen om de stad, koeler dan in de omringende deelen des lands, +maar de temperatuur is er veel veranderlijker en veel koeler dan te +Pondichéry, ofschoon men in Mei zeer dikwijls een warmte heeft van +40 tot 45° C. + +Er wordt, eigenlijk gezegd, te Chandernagor niets verbouwd, daar +de beschikbare grond zoo beperkt is, dat men geen ernstige pogingen +kan beginnen; maar de politiek is er wel doorgedrongen, evenals te +Pondichéry, en zij vormt het hoofdonderwerp van alle gesprekken. + +Ik bracht er twee heerlijke dagen door bij den vriendelijken +administrateur, den heer Bertrand en zijn lieve vrouw, en ik genoot +van de heerlijke wandelingen aan den oever der rivier in de zuivere, +opwekkende lucht. + +Er bestaat verschil van meening over de duurzaamheid van het engelsch +bestuur in Indië. Naar alle waarschijnlijkheid hebben de Engelschen +er geen wortel gevat. Een volksuitdrukking zegt: "De Engelschman +en de Hindoe gaan samen als olie en water", dat wil zeggen, dat ze +in 't geheel niet samengaan. De Hindoes verwijten den Engelschen, +dat zij hen opeten, zooals de rupsen bladeren vernielen en zoo den +boomen het sap ontstelen. Maar de Engelschen maken zich ook geen +illusies omtrent de gevoelens, die zij den Hindoes inboezemen. "De +intelligentste inboorlingen", schrijft een engelsch reiziger, "erkennen +de weldaden van ons bestuur; maar de massa wil liever slecht geregeerd +worden door haar eigen hoofden dan goed door ons". + +Het schijnt, dat de fransche invloed dieper doorgewerkt heeft op de +te weinig talrijke stammen, door oude verdragen onder ons bestuur +gelaten. Ik kan de verzoeking niet weerstaan, enkele regels aan te +halen, die door Pierre Loti in zijn _Propos d'exil_ gewijd zijn aan +de boeren uit den omtrek van Mahé (en die toegepast zouden kunnen +worden op alle Hindoes, die fransch grondgebied bewonen), omdat zij +uitstekend de gevoelens weergeven, die de inboorling te onzen opzichte +koestert: "Zij zeggen in het Fransch _bonjour_, als de boeren bij ons +en schijnen er trotsch op te zijn, bij ons te zijn gebleven; men ziet, +dat ze lust hebben te blijven staan en een praatje te maken. Diegenen, +die onze taal een weinig kennen, glimlachen en beginnen een gesprek, +altijd pratend van: 'Onze matrozen ... onze soldaten.' Ja, men is +hier toch wel in Frankrijk." En ik moet denken aan een geval voor +de rechtbank te Saigon, waar een van die Indiërs, beschuldigd van +ik weet niet welke euveldaad, aan een magistraat uit Corsica, die +hem als wilde toesprak, ten antwoord gaf: "Wij waren al Franschen +tweehonderd jaar vroeger dan gij." + + + + +Bij de ruïnen van Angkor. + + +Naar het Fransch van den Vicomte De Miramon-Fargues +met photografieën van mevrouw de M.-F. + + +Van Saigon naar Pnom-penh en naar Compong-Cjuang.--Roeitocht op +het Groote Meer.--Karren uit Cambodja.--Siem-Reap.--De tempel van +Angkor.--Angkor-Tom.--Verval der khmersche beschaving.--Ontmoeting +met den tweeden koning van Cambodja.--Oedong-de-Verhevene, hoofdstad +van Norodom's vader.--Het paleis van Norodom te Pnom-penh.--Waarom +Frankrijk niet aan Siam het grondgebied van Angkor kon overlaten. + + +Tegen het einde van Januari 1903 gingen mevrouw de Miramon-Fargues +en ik te Pnom-penh, de hoofdstad van Cambodja aan wal, in gezelschap +van twee commissarissen van de tentoonstelling van Hanoï, de heeren +Bonaparte-Wyse en den heer Rouget. Een stoomboot van de _Messageries +fluviales_, die de Mekong in vier-en-twintig uur was opgevaren, +had ons van Saigon erheen gebracht. Maar wij kwamen veertien dagen +te laat aan; in dezen tijd van het jaar ledigt zich het reuzenbekken +van de Tonlé-Sap, een echte binnenzee, en vloeit af naar de monding +der rivier. + +Het lage water maakt, dat de sloepen er niet kunnen binnenvaren, +en onze tocht naar Angkor zou onmogelijk zijn geweest, als de +resident-generaal niet de goedheid had gehad, een platboom-vaartuig +te onzer beschikking te stellen, waarop in het midden een hut was +aangebracht en dat in 't geheel 12 M. lang en 2 1/2 M. breed was. Zoo +konden wij worden opgesleept tot Compong-Cjuang. Maar van dat punt +af moesten wij gedurende twee dagen en drie nachten onze reis al +roeiend voortzetten met niets voor oogen dan de eentonige vlakte van +het meer. Onze drijvende woning was eigenlijk niet groot genoeg, om +de zes-en-twintig bedienden en roeiers te bevatten, die rondom ons +heen wriemelden, Cambodjanen, Chineezen, Siameezen, Annamieten, die +vier verscheidenheden van huidskleur vertegenwoordigden, buiten onze +eigene, 's Avonds werd er geen lamp aangestoken, om geen nachtvlinders +en muskieten te lokken, maar om den tijd te dooden, vergastte ieder +de omgeving met een liedje uit zijn vaderland, en daar de Têtfeesten +nabij waren in de op den oever verspreide dorpen, beantwoordde de +tam-tam het gezang, dat veel van een cacophonie had. + +Eindelijk deed zich op een morgen de rivier Siem-Reap voor, en een +zucht van voldoening ontsnapte ons, want die naam riep de koelte van +de bosschen voor ons op en de wonderen van den tropischen plantengroei. + +Maar bij aankomst wachtte ons een teleurstelling. De ossenkarren, +die de mandarijn voor ons had gezonden, hadden pas de oevers der +rivier verlaten, of reeds waren wij in een woestijnachtige streek +gekomen. Wij reden langs lage, leelijk gevormde dwergboomen, vuil +nog en bespat van het nu gezakte water; vervolgens geeft zelfs dat +mager boom- en struikgewas het op en maakt plaats voor droog gras, en +kort daarop is de grond, door de zon tot stof verpoeierd, bijna geheel +kaal, met slechts hier en daar wat toefjes rijst, pas geplant en reeds +overstoven met het fijne zand van den bodem, hetwelk reeds opstuift, +als er maar een vogel overheen vliegt. Onze optocht bestaat uit tien +zeer primitieve karren van planken en bamboelatten op een onderstel +geplaatst zonder zijwanden. Alleen onze zucht tot zelfbehoud maakt, +dat wij niet bij ieder stootje van het voertuig eraf rollen. Gelukkig +heeft de weekelijke beschaving van ons Westerlingen een remedie voor de +kwaal meegebracht in den vorm van een matras, die op het voorhistorisch +voertuig werdt gelegd en die de ruwe schokken een weinig tempert. + +Samengehurkt op onze matrassen als op een bed van heete asch, +altijd maar pogingen doende, om geheel en al weg te kruipen onder +onze zonneschermen, zien wij nu en dan eens even vaag de trotsche +koepels van eenige khmersche ruïnen, die op den top staan van een +brandend heeten heuvel of onduidelijk afsteken tegen de vlakte. De +verschijning van die grootsche monumenten te midden der armzalige +natuur werkt bemoedigend, maar toch is het tegelijkertijd een +bedroevende aanblik. Welke adem is er over dezen bodem gestreken +en over al die vroegere grootheid? En wie is van dit diepe verval, +waarvan de aanblik ons in de ziel grijpt, de oorzaak geweest, wie +gaf er den eersten stoot toe, de mensch of de natuur? + +Eindelijk vinden wij de boorden der rivier terug, en als met een +tooverslag is alles veranderd. Tusschen kokos- en arecapalmen, bananen +en de verdere sappig groene massa van den exotischen plantengroei, +staan op een rij de hutten van een eindeloos dorp. Op palen gebouwd, +van bamboes en van stroo, zien ze er armoedig, maar toch wel zindelijk +uit. Groote bruine menschen wonen in die lage verblijven met hun +vrouwen, die regelmatige trekken hebben en hard, borstelig haar; +met waardige gratie dragen al die personen doeken en gordels van +verschillende kleuren. In de bedding der rivier draaien wielen met +lichte schoepen, door den stroom in beweging gebracht, en voeren het +water naar de woningen aan den oever door lange bamboekokers. Rondom +de hutten speelden kinderen met groote buffels, wier horens, die +zoo vaak gevaarlijk zijn voor Europeanen, in 't minst geen booze +bedoelingen schenen te hebben ten opzichte van het vuile kindertroepje. + +Daar zijn we bij de "sala", de herberg, die vriendelijk ter beschikking +van de reizigers gesteld is; 't is een blauw geverfde stellage van +planken, en met haar estrade lijkt ze veel op het tooneeltje van een +café-concert. Daarnaast woont de gouverneur, een stroohut, die zich +enkel door haar grootte van de andere onderscheidt. + +Dit groote dorp heet Siem-reap, provinciale hoofdstad; dus eerbied als +'t u blieft! + +Wij wandelen nog een heelen tijd langs de hutten en de tuinen, waar +alle arbeid aan de natuur blijft overgelaten en waar dit eenvoudig +volkje de bevrediging van al zijn behoeften vindt. Dan treden wij +een bosch binnen met dicht struikgewas, waarboven zich reuzenboomen +verheffen, echte boomen uit het oerwoud. + +En terwijl wij daar gaan en, boven ons, de apen zwaar door de boomen +hooren springen, terwijl luid schreeuwende vogels aan 't gillen zijn, +en om ons heen de hanen en de wilde pauwen opvliegen, zien wij stil +en bedaard die gebronsde mannen en vrouwen langs ons gaan, zoo flink +en goed gebouwd en met iets zoo rustigs in den blik. + +Zorgeloos volkje, door geen onvervulbare behoeften gehinderd! Gelukkig +volk, dat geen geschiedenis heeft! + +Het bosch, dat plotseling afgebroken wordt door een open ruimte, wijkt, +als het ware, terug om een onmetelijken cirkel te omsluiten, waar als +zuilen de stammen der reuzenboomen omheen staan. Toen aanschouwden +wij in het te felle licht van die te wijde vlakte zwarte massa's van +onbekende, onbepaalde vormen, die tot in verre verte reeksen vormden +of hier en daar zonderlinge punten omhoog staken. Een lange lijn +van gevels loopt ongeordend langs den voet van drie hooge torens en +wijkt in de verte, zooals groote schepen doen, die achter de gebogen +lijn der zee het eerst hun masten vertoonen. Men voelt iets van +teleurstelling opkomen, maar men herinnert zich dan al spoedig, dat +juist de reuzenafmetingen van deze monumenten hen, om zoo te zeggen, +neerdrukken door hun eigen onmetelijkheid. + +Onze karren bestijgen een terras, beschermd door twee monsterdieren, +die leeuwen voorstellen. Een steenen pad loopt voort tot dichtbij +de vijvers, bedekt met lotusbloemen, en dan verder naar een wijde, +omsloten ruimte, waar lange gangen doorloopen tusschen hooge, +vierkante zalen. Door een eerepoort traden wij binnen en waren aldus +in het heiligdom aangekomen. Vóór ons, maar nog op grooten afstand +en over de toppen der kokospalmen heen, verhief zich de tempel van +Angkor met zijn formidabele massa, waarboven drie koepels verrezen, +die wij perspectivisch alle drie in één rij zagen. + +De met groote platte steenen geplaveide weg voert erheen, streng, +rechtlijnig en statig, en aan den kant staan twee kleine tempels, twee +artistieke gebouwtjes, met hun voeten weggedoken in de modder van de +plassen. Ginder, in de verte, heel aan het eind van den langen weg, +ziet men verschillende achter elkaâr gelegen portieken, en reeksen +van stoepen en trappen leiden naar den centralen koepel, waarheen de +aandacht wordt getrokken door middel van al die andere monumenten, +deel uitmakend van het reusachtige plan. + +Zoo is de pelgrim, gekomen uit het diepste van de bosschen, die de +vlakte omzoomen, niet verlegen welken weg te kiezen. Te midden van de +vele heiligdommen en ondanks de drievoudige omheining weet hij door +de donkere gangen over de zonnige pleinen en tusschen de velerlei +kloosters den weg te vinden; hij wordt, als 't ware, meegetroond door +de geheimzinnige eenheid dezer plaats, door een macht, die hem van +godsdienstigen eerbied vervult en niets anders is dan de suggestie +van de rechte lijn. + +Wij zagen gevels, die zoo ver ons oog reikte, de een op den ander +volgden; sierlijke portieken waakten twee aan twee op de hoeken dier +gevels en verbraken er de eentonigheid van naar het midden; er waren +zuilengalerijen, waar een overvloed van ornamenten als een levend +klimop zich om de pilaren slingerde en waartusschen door in breede +stroomen het licht naar binnen viel. Dat maakte het mogelijk op de +wanden van de galerijen de bas-reliëfs te onderscheiden, waarin de +geschiedenis te lezen was van 't volk, dat deze monumenten bouwde, en +verder volgden donkere zalen en lichte gangen, boogvormige en vlakke +zolderingen, geheimzinnige hoekjes, waar de een of andere misvormde +Boeddha troonde onder de bescherming van veel vleermuizen. En elders +zag men vijvers, door galerijen omgeven; vierkante pilaren, in strenge +rijen geschaard, om zolderingen en daken te dragen, of tot sieraad +in hoeken aangebracht; afgesloten binnenplaatsen met kloosterramen +en open pleinen, die als tuinen waren en waar, als bloemen op een +bloembed, sierlijke, kleine tempeltjes stonden, om door hun fijn +en fraai voorkomen de verpletterende schoonheid van het grootste +heiligdom te temperen. Overal vielen in deze wonderlijke wereld van +monumenten ingestorte gebouwen en deelen van bouwwerken in het oog, +zooals zij daar half uitgewischt beeldhouwwerk droegen en met den +aanslag van de eeuwen waren overdekt. + +Hoe zal men al die wonderen met voldoenden eerbied bespreken? Is het +niet, alsof men heiligschennis begaat, als men door de beschrijving +der détails de bewonderenswaardige eenheid van dit meesterwerk +verduistert? Die eenheid dringt zich op aan ons oog en staat levendig +voor onze verbeelding al den tijd van het bezoek aan de monumenten; +zij zal de hoofdindruk blijven, dien wij van hier meenemen, een diepen +indruk van een werk uit één stuk, dat boeit door de grootschheid der +proporties en daarna pas bekoort door de bevallige schikking van de +versierselen, terwijl een grootsch genie niet enkel de hoofdlijnen +trok, maar tevens de aantrekkelijke détails bepaalde en schikte. + +Twee vierkanten bevatten boven elkander aangelegde terrassen, +wier zuilen en kapiteelen in harmonieuse lijnen rijzen en overal +met bas-reliëfs bedekt zijn. Het grootste en eerste van die beide +vierkante pleinen heeft een omtrek van twee kilometer; er loopt +een lange kruisgang langs, waarvan de zuilen aan den buitenkant, +gekeerd naar het bosch en de tuinen, een interessante historische +galerij vormen. Het tweede, dat er strenger uitziet, herbergt onder +de gewelven van zijn gangen en zalen, vol angstwekkende schaduwen, +een massa steenen godheden, het Pantheon uit den vervaltijd. In +'t midden van het tweede terras ziet men met verbazing een berg +van gebeeldhouwde steenen, prachtig fijn bewerkt. Op dat reusachtig +voetstuk staat de eigenlijke tempel. + +In de hoeken verrijzen vier koepels, schitterende schildwachten, +die den centralen koepel, den reus, het opperheilige, bewaken. Het +zijn pyramiden met vele trappen, waarvan de omtrekken en de scherpe +lijnen alle aan het oog onttrokken worden door een overvloed van +ornamenten. Zij dragen op den top een vreemde bekroning, op een +tiara gelijkend, een der oude tiaren uit den tijd der Middeleeuwen, +waar wonderlijk gevormde steenen in bevestigd zijn en ruw gegraveerde +cameeën. De gidsen geven er den naam van _prea-sat_ aan, maar ik vrees, +dat ik, door dien barbaarschen term te gebruiken, met een uitstalling +van geleerdheid den diepen indruk van kunst en genie zal schaden, +dien nog in mij wekt de herinnering aan het wonderwerk. + +Men moet zich met behulp van handen en voeten opwerken tegen den +heiligen berg, zoo steil en lastig is de beklimming langs ongelijke +trappen met smalle treden, die bijna niet naar voren komen. De +majesteit van het heiligdom wordt door dien moeilijken tocht +verhoogd, en men krijgt meer eerbied voor wat men met zoo groote +moeite moet bereiken. Boven krijgt men weer gewelven te zien en +kapellen en kloostergangen, alle uitkomend bij den centralen koepel, +het geheimzinnige middelpunt, dat boven het geheel zijn hoofd, met +diamanten getooid, opsteekt. Daar zijn, naar men zegt, de heilige +voorwerpen opgeborgen en de documenten, die de annalen bevatten van een +ras, dat tot den sagentijd opklimt. Noch deuren, noch trappen stellen +in staat, ook maar het minste of geringste van die geheimzinnigheden +te doorgronden. Maar aan de vier hoeken en in het midden der gevels +laten groote portieken stroomen licht binnenvallen, naar 't schijnt +om van alle punten van den horizon de eerbewijzen der natuur en der +menschen in ontvangst te nemen. + +Gezeten op de treden van een dezer portieken, met de voeten op een +kroonlijst met afgebrokkelde beeldjes, zien wij de zon ondergaan +achter het gebladerte van het bosch. Onder ons worden pleinen en +gangen langzamerhand in duisternis gehuld, terwijl op de hoogte, +waar wij ons bevinden, de laatste zonnestralen nog het heiligdom +treffen. Eén voor één verdwijnen de zuilen, de kapiteelen en de +bas-reliëfs, die men overal herhaald vindt, met de rijen, eindeloos +lang, van heilige bayadères. Spoedig kunnen wij nauwelijks meer de +daken onderscheiden met de zware, lange, afgeronde steenen, die rij +aan rij zich uitstrekken met de eentonige regelmaat der voren in onze +akkers. Eenzaam verschijnt soms nog, oplichtend, het gele kleed van +een bonze, die bij zijn ronde langs een muur strijkt. + +Toen kwam 't ons voor, dat al die dingen, die wij nu zoo dicht vóór +ons zien, en die zoo oneindig ver van ons oude Europa zijn, iets +bekends hadden. Op het oogenblik, toen het plotseling invallenden +duisternis, dat eigen is aan oostersche landen, waar men de bekoorlijke +schemeruurtjes niet kent, ze aan ons oog geheel onttrekt, wekken hun +verwarde vormen in ons een wereld van onverwachte herinneringen. + +De architectuur van deze monumenten is niet geheel nieuw voor ons. In +streken, die minder ver van Europa verwijderd zijn, Babylon en Niniveh, +vindt men diezelfde terrassen met bouwwerken er omheen, die breede +wegen, met platte steenen geplaveid, en de assyrische muren vertoonen +een dergelijke overvloed van bas-reliëfs. + +Wat zijn het voor majestueuse figuren, die er zoo priesterlijk uitzien +en aangebracht zijn op den voorgevel van een paleis of den rand van een +toren? Egypte heeft daar zijn stempel op gedrukt. En die verrukkelijke +tempeltjes met hun portieken en hun zuilen van zoo zuiveren stijl, +waarin de harmonie der lijnen zoo goed past bij de soberheid der +versieringen, moet men daarvan niet in het klassieke Griekenland de +prototypen zoeken of misschien, wie weet het, de navolgingen? + +Wat zijn er een dingen hier, die ons vertrouwd en bekend lijken! Wij +herkennen de kleine klosvormige zuiltjes, die het traliewerk der +vensters vormen, omdat wij ze reeds ontmoet hebben in oude huizen +uit Bretagne. + +Alles in één woord wijst op een van elders gekomen ras, dat zijn +inspiratie heeft moeten halen van de wieg der wereld zelve, die +grenzen van Europa en Azië, waar de oudste beschavingen geboren werden. + +Niet ver van den tempel in het bosch ligt de koninklijke stad +Angkor-tom begraven, welker reuzenomtrek 4 K.M. lang was aan elke +zijde van het vierkant. Wij lieten den volgenden morgen onze karretjes +weer aanspannen, om ons erheen te laten brengen. Helaas, indien de +godheid al den tempel, haar gewijd, in stand heeft kunnen houden, +zij heeft het niet kunnen of willen doen met de paleizen der menschen, +en te midden van onontwarbaar struikgewas moet men er nu de ruïnen van +zoeken. Plotseling staken de wielen der kar den arbeid in den zandigen +grond; een schok schrikt den toerist op uit zijn mijmeringen bij het +zien der apen, spelend in de hooge boomen. We gaan met de kleine ossen +dapper een steenen trap beklimmen en rijden onder een eereboog door, +van waar een impassibel steenen beeld ons schijnt te bewaken. Door het +gebladerte kan men nog een lange reeks van zwarte muren onderscheiden, +die in het struikgewas voortloopen; maar als op enkele plaatsen de +boschjes minder dicht worden, ziet men opeens met verbazing, dat de +muur, die als omheining diende, gebeeldhouwd is als een bas-reliëf +in een tempel. + +Op den rand van een open terreintje zien wij een heuvel, dicht met +planten begroeid, reuzenboomen steken er hun kruinen in de hoogte, +en te midden van hen rijzen donkere, statige steenmassa's, die hun +een plaats in de zon schijnen te betwisten. De heuvel zelf blijkt een +monument van khmersche kunst, een tempel, een paleis of een graf, +en op de forsche gewelven is als op vasten, effen bodem het levend +bosch gegroeid. De pleinen, portieken en sierlijke zuilenrijen, de +terrassen en trappen, steil als ladders, het labyrinth van zalen, de +ingestorte verdiepingen, alles is overweldigd door dien plantengroei, +die zelf zijn voetstuk weer vernielt. + +Boven een drievoudige verdieping van gewelven loopt men over +een vlakte, bedekt met enorme stukken puin, deelen van zuilen +en reuzensteenen. Overal verrijzen koepels boven de ruïnen als +onwrikbare bewakers. Veelal zijn het vier reuzenhoofden, onder een +zelfde hoofddeksel gevangen, en niets heeft van die priesterlijke +aangezichten de uitdrukking van hooge kalmte kunnen wegnemen, noch +het nadeel, dat de boomen eraan hebben toegebracht, die in de spleten +van 't gesteente groeien en hun statige coiffure in een woeste pruik +veranderen, noch het oneerbiedig spel der apen, die hun over het +hoofd wandelen en geen eerbied toonen voor het gelaat. + +Te midden der geheimenissen van het woud, bij al die ruïnen, waar +tijgers soms hun jongen komen verbergen, onder de oogen van de steenen +figuren, in hun eeuwigen droom verzonken, gaat onze verbeelding aan +het werk, tracht het verleden op te roepen, en onder al die doode +dingen treedt het leven naar voren, als een laatste vonk uit het +beeldhouwwerk, waarmee de losse steenen versierd en als ten leven +gewekt zijn. Zie, daar zijn koningen te herkennen, monarchen in +triomf gezeten op hun zegewagens, door met goud gestikte dekkleeden +versierde paarden voortgetrokken; een stoet van priesters en hovelingen +vergezelt hen. Dan volgt het leger der krijgers, dat der slaven en, +den optocht sluitend, de wonderlange stoet van olifanten. + +Op den eindeloozen weg tusschen het paleis en den tempel van Angkor-Wat +vertoont zich zulk een reuzenprocessie; maar zij leeft niet meer; +zelfs de legenden erover zijn verdwenen uit de herinnering van het +volk, dat zijn eigen roemrijke geschiedenis niet meer kent, nu het +verwoestingswerk van den tijd, door plunderingen geholpen, er een +eind aan heeft gemaakt. + +De hutten, waar de bonzen of priesters rondom den tempel wonen, vormen +met de monumenten een aangrijpende tegenstelling. Het dorp is niets +dan een verzameling stroohutten. Wij logeerden onder een groot afdak, +in een aan alle kanten open ruimte. De vloer rustte op hooge palen en +bestond uit een open vlechtwerk van bamboes, terwijl de bamboeladder +toegang gaf tot dit hôtel. 's Nachts, toen wij ons op onze matrassen +telkens omkeerden, gekweld door ontzagwekkende droomen, klonken +overal om ons heen de neusklanken van 't psalmgezang der bonzen, +die een soort van litanie aanhieven. Dat duurde lang en begon al +vroeg weer in den morgen als antwoord op het gekraai der ontwakende +hanen. En gedurende de enkele uren van rust, ons gelaten door die +vrome zangen, waren er allerlei vreemde geluiden, wel geschikt om den +reiziger te verschrikken, die daar in de open lucht ligt in het land +van schorpioenen en slangen. Het waren onze ossen, die onder ons afdak +vastgemaakt waren en die telkens bewogen of kauwden of zich zacht de +lenden wreven. + +Toch is dit volk, dat in hutjes van hout en stroo woont en dat meer +gelijkt op een primitief volk dan op een, dat gedegenereerd is, wel +stellig het nakroost van de groote bouwmeesters van Angkor. Zij zijn +forsch en groot, hebben sterk geaccentueerde trekken, die op de onze +gelijken, wijd geopende oogen, 't geen alles erop wijst, dat ze van +verre zijn gekomen. Stellig zijn deze menschen van hetzelfde ras als +de Indiërs, die op datzelfde tijdstip, dat tot den fabeltijd schijnt +op te klimmen, dezelfde reusachtige bouwwerken aanlegden. Zij kunnen +elkander niet negeeren, want zij zijn nog tegenwoordig broeders door +hun gelaatstrekken, zooals zij het vroeger waren door hun genie. Maar +hoe dan dat totaal verval te verklaren, achteruitgang, die geen hoop +laat en geen spijt? Helaas, dat zulk een verschijnsel niet tot de +zeldzaamheden behoort! + +Hebben de fellahs niet de pyramiden gebouwd? Hebben wij niet aan de +Singhaleezen de kolossale werken van Anuradhapura te danken op het +eiland Ceylon? Die onderworpen volken arbeidden voor hun meester en +door de kracht van hun millioenen armen stelden zij hem in staat, +de wonderen tot stand te brengen, waaraan hun intellect geen deel +had. Zij waren menschelijke machines en werden voortgedreven door +een klein aantal begaafden onder hen, en ze keerden terug tot den +eenvoud der natuur, zoodra die aristocratie van gezag en genie uit +hun midden verdween. + +Op den morgen van den vierden dag waren wij vroeg bij de hand, om voor +de laatste maal een bezoek aan den tempel te brengen, eer wij naar onze +jonk terugkeerden. De zon ging op achter het heiligdom. De koepels +straalden boven onze hoofden en de kolossus verscheen in een krans +van rooden morgengloed. Om ons heen was alles nog in schaduw gehuld; +de hutten, de ossenkarren, onze cambodja'sche gidsen, de troep bonzen, +die waren komen aanloopen om van de uitdeeling van gekleurde potlooden +te profiteeren. Wij meenden een beeld te zien van het verleden van dit +volk. Een verheven licht is op één punt des tijds boven deze streken +opgegaan en heeft voor een oogenblik de bewoners uit de schaduw naar +voren gebracht, om hen te doen deelen in zijn luister, zooals de +slaven deelden in 't geluk van den meester. Dat licht was slechts de +weerschijn eener vreemde beschaving, en zoo lang de souvereinen van +Angkor in gemeenschap bleven met de wieg van hun geslacht, gaven zij +hun genie nieuwe kracht door het voorbeeld van een kunst, die langen +tijd over de oude wereld heeft gestraald. Van daar haalden zij hun +bouwmeesters en schilders en beeldhouwers. Maar op een dag werd de +gemeenschap verbroken door noodlottige oorlogen en mogelijk ook door +het terugwijken van de zee, want het is boven allen twijfel verheven, +dat in dat ver verleden de Tonlé-sap een volkomen toegankelijke golf +was. Toen het bloed niet meer van het hart toestroomde, gingen de leden +kwijnen, en de koningen, in het nauw gebracht door de invallen der +noordelijker wonende volken, verloren macht en aanzien. Zij verloren +die zoo geheel, dat zij voor altijd de plaats van hun glorie uit het +oog verloren, en dat op dit oogenblik een met hen wedijverend volk +het land in bezit heeft. Siam bezit namelijk deze ruïnen, en het doet +weinig of niets voor het onderhoud. Toen wij door Siem-reap reisden, +kwam een siameesche gouverneur onze paspoorten opvragen en noteerde +onze namen, om ze naar Bangkok te zenden. + +Na een laatsten blik op den kolossus van Angkor-Wat, een blik, die +het geheel niet kon omvatten, begaven wij ons naar beneden naar onze +boot. Sedert vier dagen wachtten onze roeiers daar op ons, getrouw +op hun post. De koelies belastten zich met matrassen en proviand, +met de bagage en de toeristen zelven, en in minder dan een half uur +was alles aan boord. Vooruit nu maar! + +Twee dagen daarna, tegen den avond, zijn wij bij +Compong-Chuang. Jonken, gelijk aan de onze, maar mooier versierd, +wiegelen op de golven bij de aanlegplaats. Het zijn de equipages +van den tweeden koning van Cambodja, die den resident een bezoek is +komen brengen. Het gevolg van den monarch _in partibus_ bestaat uit +de vrouwen en de dames van het ballet. De prinsessen dragen het lange +kleed van siameesche mode, de danseressen alleen een gordel als in +Cambodja. Wij worden aan Zijne Majesteit, broeder van koning Norodom, +voorgesteld, die naar landsgebruik den vorst heeft opgevolgd. Hij +is een man van vijf-en-zestig jaar, gedrongen, krachtig, nog maar +even grijs wordend en zich flink voordoend in zijn grijs jasje en +wit vest. Zijn beenen zijn half bloot, als die van kinderen en hij +draagt kousen en halfhooge laarsjes. Zijne Majesteit ontvangt ons +uiterst vriendelijk; een onwankelbare glimlach speelt om zijn mond +en onthult het mooiste gebit, dat eenig dentist voor zijn étalage +zou kunnen verlangen. + +"U is in Angkor geweest?" vraagt hij ons. "Dat is de wieg van ons ras, +en mijn broeder en ik zullen altijd aanspraak blijven maken op het +bezit ervan." + +Daarna boog de vriendelijke man en lachte, wisselde handdrukken met +ons en ging in zijn drijvend paleis. + +Moet ik de waarheid bekennen? Wij waren wel een weinig teleurgesteld +over dien sympathieken maar zoo weinig majestueuzen afstammeling der +groote vorsten van Angkor. De resident, onze vriendelijke gastheer, +wien wij onze indrukken meedeelden, ried ons aan, in 't voorbijgaan +Compong-luong te gaan zien. "Van daar zult u Oedong kunnen bezoeken, +de voorlaatste hoofdstad, en u zult u een juister voorstelling kunnen +maken van wat een koning van Cambodja wezen kan". + +Den volgenden morgen heel in de vroegte deed onze jonk den oever van +Compong-luong aan. De inlandsche gouverneur liet ossenkarren voor ons +komen, en wij reden over een weg, breed en mooi als een uit Europa, +naar Oedong de verhevene, het Versailles van Cambodja. Waarlijk, +deze laan ziet er mooi uit, met dien rand van kokospalmen, die uit +de vruchtbare vlakte rijzen, en de omgeving geeft ons al van te voren +een hoog denkbeeld van de paleizen, waar zij toegang toe geeft. + +Hoe verbaasd waren wij dan ook, toen plotseling de breede weg smal werd +en doodliep in een rijstveld. Tegenover ons leek iets als een pleintje +te liggen en na een omheining van groote palen gepasseerd te zijn +met een soort van poort erin, bevonden wij ons in het oude koninklijk +paleis. Achter een kleinen vijver ziet men eerst een "sala" of loods +van twee verdiepingen, op in het water staande palen. Drie kleine +tribunes zijn ervoor aangebracht, gesteund door drie groote palen, +die aan het dak bevestigd zijn en wel 10 meter lengte hebben. Al +hadden ze wel een beetje van een galg, toch dienden die stellages +en pilaren nergens anders voor, dan om den vorst aan zijn volk +te vertoonen. Ernaast stond een gewone tempel, wit met goud, die +verbrokkelde en afschilferde en een grooten Boeddha bevatte achter +een gebloemd katoenen gordijn van een paar stuivers de meter. Een +groep bonzen bedient dit heiligdom en woont in de gebouwen van het +eigenlijke paleis. Teleurstelling! Het paleis is slechts een hut van +stroo, een groote hut wel, lang en diep, maar toch op verre na geen +vorstelijk verblijf. + +In het inwendige vertoonden de vertrekken van den koning, vader +van Norodom, tusschenschotten van planken en witkalk, waar nog +overblijfselen van fresco's op te zien waren. Maar er is geen enkele +steen gebruikt voor den bouw van deze koninklijke residentie en +geen stukje beeldhouwwerk wekt eenig idee van kunst. Geheimzinnige +bouwmeester van Angkor, wat is er uit uwe afstammelingen geworden! + +Rondom het koninklijk paleis, en waar vroeger de volkrijke stad lag, +breiden zich velden en moerassen uit. Toch lag daar nog in de eerste +helft der 19_de_ eeuw een groote stad. De bewoners zijn geëmigreerd, +zonder zelfs ruïnen achter te laten als sporen van hun verblijf, want +bamboes en stroo verrotten spoedig, en de woning der koningen wekt geen +schitterende voorstelling van de hutten hunner nederige onderdanen. + +In een hoekje van de vlakte heeft de koningin-moeder een gedenkteeken +voor haar echtgenoot opgericht, een mausoleum voor den slecht +behuisden monarch. Het is een vierkante toren, omgeven door slanke +zuilen, zooals 't geval is bij alle heiligdommen in het land. Het +opgewipte dak is gedekt met gekleurde pannen. Een drievoudig terras +met een balustrade dient tot voetstuk voor het monument, en op de +treden zijn allerlei godenfiguren aangebracht, ook monsters, die er +als vogelverschrikkers uitzien. Zij houden de wacht bij elke trede +van de trappen, aan iederen hoek van een muur, als om de schatten +van het heiligdom te beschermen. Noodelooze moeite, er is niets te +halen, en men moet er binnen treden, als men een echt voorbeeld van +slechten smaak wil zien. Fresco's zijn op de wanden aangebracht in +schreeuwende kleuren, door spiegels in vergulde lijsten, die aan de +pilaren hangen, schril weerkaatst. Op de verhooging, waar Boeddha +is gezeten, ligt een kermisuitstalling van allerlei voorwerpen uit +goedkoope winkels, bloempotjes met papieren bloemen erin, blauwe +en gele glazen knikkers, dieren van verguld pleister, poppetjes van +beschilderd karton, en eindelijk als pronkstukken van de etalage vier +prachtige apothekers-uitstalflesschen, twee roode en twee groene. + +Toch bevat Oedong-de-Verhevene nog enkele interessante +overblijfselen. Er ligt niet ver van het grafteeken een groep heuvels, +oprijzend midden uit de rijstvelden. Het woud, dat door den landbouw +teruggedrongen is tot den voet der heuvels, beklimt ze, en te midden +van 't geboomte ziet men scherpe spitsen van bouwwerken. Dat zijn +obelisken van een eigenaardigen vorm, dikker en lomper dan die +uit Egypte, met massief vierkant voetstuk en afgeronde punt. Ze +worden _pnoms_ genoemd, en 't gebruik wil, dat ze op hooggelegen +punten worden geplaatst. Een eindelooze reeks van treden bracht +ons naar den top. Daar stonden op een groot terras twee pnoms naast +elkander, precies gelijk, alleen was de eene ingelegd met guirlanden +en rozetten van gekleurd porselein. Rondom ieder voetstuk droegen +enorme olifantskoppen het zware monument. + +Van dit punt is het uitzicht over de vlakte van rijstvelden en plassen +prachtig mooi; het oog reikt van Pnom-penh tot aan de grens van +Siam. Op de golvende kruinen der andere heuvels stonden een tiental +pnoms, die hun spitse toppen verhieven boven de boomen, zoodat die +voorgrond den indruk maakte van een doodenstad. Ik weet niet juist, +of die monumenten gebouwd zijn om heiligen-relieken te bewaren +of voor de asch van een koning. Maar die tweede veronderstelling +doet mij het aangenaamst aan, en ik mag gaarne denken, dat, om tot +de onsterflijkheid in te gaan, de souvereinen van Cambodja tot de +grootheid van hun voorvaderen meenden te moeten terugkeeren. + +Van Oedong bracht de sloep ons, door den stroom geholpen, tot +Pnom-penh. Daar resideert de tegenwoordige koning van het land, +Norodom met zijn populairen naam; en nog vol van de pas opgedane +indrukken over zijn vader, legden we bij hem onze eerste visite +af. Wij treden in de omheinde ruimte van de koninklijke verblijven. In +plaats van een eigenlijk gezegd paleis, zooals wij, Europeanen, ons +dat voorstellen, bevinden wij ons tusschen een complex van allerlei +kunstelooze gebouwen. Overal groeit gras tusschen de steenen, stukken +puin liggen op den grond; op de binnenpleinen loopt gevogelte. Eerst +was er dan de troonzaal, een lange loods, die mij denken doet aan +de zaal, waar in onze jeugd de prijzen op school werden uitgereikt; +verder allerlei goedkoope meubels in de andere vertrekken, verkleurd +parijsch goedje, leelijk brons en onecht porselein, want de handelaars +beschikken over een groot deel van de civiele lijst des konings, +door hem die zoogenaamde kunstvoorwerpen duur te verkoopen. + +Iets verder wijst men ons een huisje, leelijk en burgerlijk van stijl, +zeker kant en klaar op de eene of andere tentoonstelling gekocht. In +een villa van die soort woont de vorst, met veranda en gekleurde ramen, +juist zooals een koopman in ruste het verlangt. + +Een enkele maal krijgt Norodom verlangen naar iets groots; dan kwellen +hem de groote ruimten van het oude Angkor in den droom. Zoo heeft hij +nu een bouwwerk opgericht, dat zijn bestuur tot eer moet strekken, +een vergulde pagode, en de inwijding van dit monument verleent aan +de Têtfeesten dit jaar een ongewonen glans. + +Vóór den tempel prijkt het standbeeld van Norodom I. Hij is te paard +voorgesteld in generaalscostuum met den hoed in de hand. De monarch +is geheel van goud, en zijn paard is hemelsblauw gekleurd. De houding +is niet kwaad, maar zoo bekend! Waar kunnen wij die toch meer hebben +gezien? Een woord van onzen gids helpt ons terecht. Het is het +standbeeld van Napoleon III, door de republikeinsche regeering op +zij gezet, en waarvan men een presentabelen Norodom heeft gemaakt, +door het baardje weg te laten en den neus wat af te platten. + +Namaak, het standbeeld van den vorst! Namaak, zijn paleizen en zijn +tempels! Namaak, alles in Cambodja, zoozeer dat die tot beginsel +schijnt geworden. + +Het gebeurt, dat volken, evenals oude menschen, kindsch worden. De +rijpe leeftijd van dit ras was ook zijn gouden tijd. Sinds dien ouden +tijd hebben de ontaarde afstammelingen van de Khmers uit hun roemrijk +verleden slechts onbewuste herinneringen overgehouden, een soort +van instinct, dat hen van groote gebouwen doet houden. Zij voelen +veel voor al wat blinkt en schittert, en verbergen hun gebrek aan +inspiratie onder indigo en goud en oker. Bij de bouwkunstige wonderen +van Angkor vergeleken, lijken hun monumenten op kinderspeelgoed. + +Zij werken niet voor de toekomst, en soliditeit is niet van +hun gading. Het tegenwoordige is hun genoeg, de duur van een +menschenleeftijd of van een koningsgril. Als de muren maar wit zijn, +als de daken en de sieraden maar schitteren in de zon, is alles in +orde. De koning, die een monument heeft laten bouwen, zal mogelijk +voor het onderhoud zorgen; zijn opvolger zal het zeker verwaarloozen. + +Die onvastheid schijnt altijd een kenmerk van het ras geweest te zijn; +zij is de oorzaak van de verwaarloozing, waaraan de Khmers zooveel +grootsche monumenten ten prooi hebben gelaten, en hun afstammelingen, +door het voorbeeld van vroegere geslachten gewaarschuwd, hebben +de gewoonte verloren, degelijk materiaal te gebruiken voor werken, +die toch bestemd zijn spoedig te vervallen. + +Pnom-penh zal hoofdstad worden van Cambodja. Wij hebben er huizen +gebouwd van degelijke steenen, en wij hebben er westersch streven +naar ontwikkeling ingevoerd. Nu moeten wij verder gaan en voor koning +Norodom opkomen, dien wij onder ons protectoraat hebben genomen, +en trachten, hem weer in 't bezit te stellen van de oude ruïnen, +die zijn voorgeslacht heeft achtergelaten. + + + +In Zuid-Bretagne + +Naar het Fransch van Gustave Geffroy. + + +Het stadje Quimperlé kan heel goed als type dienen voor Zuid-Bretagne, +hier in dit hoekje van Finistère, zooals Morlaix en Saint-Pol-de-Léon +Noord-Bretagne typeeren. Men kan te Quimperlé van allerlei +eigenaardigheden der natuur en van ieder aanzicht, dat een landschap +bieden kan, genieten. + +Als men aankomt op een avond van helderen maneschijn, vindt men +een vreedzaam, stil stadje, dat er fantastisch uitziet, met ledige +straten en kronkelende steegjes, gevels, die voorover hangen en +terugwijkende benedenhuizen. De klokkentoren van Saint-Michel drukt +als een domper op de huizen der bovenstad. Als het blauwe maanlicht +over het steenen gevaarte strijkt, ziet de toren er met zijn hoeken +en bogen en balustrades uit als een reuzenuil met een vierkante kroon +en de witte vlek van 't uurwerk over zijn eene oog. De uil staat daar +reeds op zijn steenen nest sinds de 15de eeuw, en de klokkestem, die +zijn stem is, blijkt wel een stem te zijn uit het grijs verleden, +zoo oud en vreemd en gesluierd klinkt zij, beverig en grommend en +langzaam de tonen uitgietend over de stad en de rivier. + +Dat is het eenige nachtelijke geluid in Quimperlé, die stem van lang +geleden. Alles slaapt den slaap der kleine steden, dien slaap, die +werkelijk slaap is, de dood der menschheid. Geen enkele tred op het +plaveisel van de straten, geen geratel van een rijtuig bij 't begin +van den straatweg, zelfs niet het fluiten van een spoortrein op de +hoogte. Alles zwijgt tegelijk, en als men opmerkzaam toeluistert, +hoort men zoo nu en dan 't geritsel van den wind in het gebladerte +der boomen van het plein, of 't zacht geklots van het water tegen den +oever, of den doffen bons van een boot tegen de steenen kade. Zulke +nachten kent het groote Parijs niet, welks holle bodem, waarin de +buizen en leidingen van allerlei diensten elkander kruisen, het geluid +van al wat in beweging is, meedoogenloos terugzendt. + +De fiacres van drie uur in den morgen rijden nog, nachtelijke +feestgangers zijn nog onderweg, of reeds komen uit alle voorsteden de +wagens van de groenten- en fruitverkoopers en gaan met de snelheid, +die hun slaperige paarden bereiken, naar de hallen. Doch dat is nog +maar een rustig, regelmatig, bijna gedempt geluid. Later behoort de +stad aan de slagerskarren en de melkrondbrengers, die vliegensvlug +door de straten daveren; gillend en met hun zweep omhoog, gedragen +de koetsiers zich, of ze aan een wedstrijd met triomfwagens deelnamen. + +Zulke genoegens kent Quimperlé niet, en de doortrekkende reiziger, die +uit de groote steden komt, moet het stadje dankbaar zijn, dat hij er +de décors der onbewegelijkheid en de stemmen der stilte mag bewonderen. + +De menschen staan vroeg op; dan begint de vroolijke symphonie der +klompen, en de verandering treedt op in 't aanzien der stad. Die +schijnt met den blauwen rook uit de schoorsteenen mee te gaan vliegen +door de op terrassen liggende tuinen. Als de blinden en de vensters +opengaan, verschijnen vriendelijk lachende gezichten met heldere oogen +en praatlustige monden, de witte mutsjes reeds geplant op blonde en +kastanjebruine haren. De koopvrouwen van visch loopen rond met den neus +in den wind en een breeden roependen mond, die, daar ben ik zeker van, +niemand het laatste woord zouden gunnen en voor haar zusters in het +paviljoen der hallen van Parijs niet onderdoen in woordenrijkheid. + +Als gij buitendien nog Quimperlé op een Zondag bezoekt, en als er in +de buurt de een of andere vergadering is, zal het u gegeven zijn, de +mooiste verzameling goed opgetrokken kousen, korte rokjes en kleurige +boezelaars te zien. Die boezelaars! Men moet ze twee aan twee of drie +aan drie of bij halve en heele dozijnen in de straten der stad hebben +waargenomen en op de wegen in den omtrek, om zich een denkbeeld te +vormen van hun belangrijkheid en hun luister. In de uitstalkasten van +de winkels, beschaduwd door de overhangende luiken, zijn ze niet zoo +schitterend welsprekend; maar als de vrouwen en meisjes van Quimperlé +ze dragen en in haar wandelpasjes er fleurig mee flaneeren, bewust +van eigen schoon aangekleed zijn, worden ze buitengewoon aardig en +klinken hoog als een fanfare bij een marsch in den zonneschijn van een +feestdag. Er zijn blauwe als korenbloemen, als maagdepalm en andere +als hoekjes van den hemel na den regen of als blauwe kinderoogen. Er +zijn violette als een onweershemel, als de zee in den zomer tegen +den avond. Dan ziet men roode, vurig als bloed, en rose als rozen en +gele als gouden knoopen. Men heeft er, die afwisselende tinten hebben +als de borst van een duif en witte zijden boezelaars, die in de zon +verguld lijken en blauwachtig zijn in de schaduw, en het lijkt wel, +of die wandelaarsters het erop hebben gezet, op feestdagen alle +kleuren der natuur na te bootsen op alle uren van den dag. + +Quimperlé is naar mijn smaak een der mooiste stadjes van Bretagne, +niet enkel om den bloei der mooie boezelaars, maar ook om zijn gunstige +ligging aan de samenvloeiing van de Ellé en de Isole, die de Laïta +worden, om de aardige huizen en de vroolijkheid der bewoners. Overal +ziet men tuinen en boomen. Als men den heuvel Penarven is afgedaald, +treedt men de stad binnen, komt op het pleintje van den Bourg Neuf, +dan op de oude Place Royale en bij de merkwaardige kerk van het Heilige +Kruis. Te Quimperlé is, evenals te Hennebont, de stad weer verdeeld; +hier heeft men de hooge en de lage stad, en de laatste bestaat op haar +beurt weer uit twee wijken, de eene, omsloten door de twee rivieren, +vormt een gesloten stadsdeel, de andere wijk op den linkeroever der +Ellé, heet Vannes, daar het riviertje, de Ellé, vroeger de grens +vormde tusschen het diocees Vannes en Quimper. Tegenwoordig behoort +alles bij het departement Finistère. + +Op het terrein tusschen de beide rivieren ligt het eigenlijke +Quimperlé. Evenals in vele plaatsen van Bretagne is het oudste huis +een kluizenaarswoning geweest, geen hermitage van een heilige, +maar de kluis van een onttroonden monarch, Gunthiern, prins van +Groot-Bretagne, koning van Cambrië, die in een gevecht zijn hem +onbekenden neef doodde. Smart en wroeging deden hem de heerschappij +neerleggen. Eerst ging hij naar het eiland Groix, daarna naar den +grond tusschen de Ellé en de Isole. De legende wil, dat hij er een +klooster heeft gesticht; Albert le Grand bevestigt dat, Dom Lobineau +spreekt het tegen. Wat met meer zekerheid kan beweerd worden, is dat +hier een der kasteelen stond van de graven van Cornwallis. Een van die, +Alain Canhiart, die op het punt was, het gezichtsvermogen te verliezen, +werd genezen door een droom, waarin hij een gouden kruis zag. De paus, +die geraadpleegd werd, raadde aan, een klooster te bouwen ter eere +van het Heilige Kruis, dat op 14 September 1029 werd gesticht, dag +der aanbidding van het kruis. In dien tijd werden Belle-Ile-en-Mer +en andere leenen door Alain Canhiart aan de monniken afgestaan. Die +laatsten lieten hun klooster in 1678 herbouwen. + +Thans zijn er de rechtbank en het gemeentehuis, de onderprefectuur, een +gemeenteschool en een politiepost gevestigd. Een deel der bibliotheek +bevindt zich te Quimper. Een copie van het kloosterregister wordt in +den vreemde bewaard. Maar gebleven is de kerk van het Heilige Kruis, +die beroemd is in de kunstgeschiedenis als een der weinige navolgingen +van de kerk van 't Heilige Graf in Jeruzalem. Ik heb reeds als zulk +een imitatie aangewezen de kerk van Lanleff bij Saint-Brieux; maar +dat is een ruïne; en Sainte-Croix, de kerk die hersteld en herbouwd +is in 1476, blijft door vele van haar deelen een merkwaardig monument +uit de 12de eeuw. De algemeene vorm is rond; maar door uitbouwsels +heeft zij den kruisvorm gekregen, eigen aan zooveel kerken. De meening +der archeologen is, dat het koor nieuwer is dan het middengedeelte, +en dat het oude koor zich bevond tusschen de vier enorme pilaren van +het midden. + +Sainte-Croix doet afbreuk aan Saint-Michel, een kapel, die tot +kerk geworden is en een zeer belangwekkend gebouw moet heeten uit +de 14de en 15de eeuw. De vierkante toren met zuilen en zuiltjes en +open galerijen, siert Quimperlé met zijn ernstige lijnen en fijn +beeldhouwwerk. Saint-Colomban ligt in puin. Het Jacobijnenklooster, +waar nu nonnen wonen, heeft enkel nog een poort uit de 15de eeuw, +en het heeft zijn prachtige tuinen behouden. + +Dit is zoowat alles, wat met enkele oude huizen overgebleven is van +de oude stad. De vestingwerken en de poorten zijn verdwenen. Veel +bruggen vindt men in de straten, zooals te verwachten is bij een +stad, gebouwd aan twee rivieren. Kermissen en markten worden op het +Saint-Michelplein gehouden, waarvan een gedeelte het Zonneplein en +een ander het Varkensplein of de Varkensmarkt heet. De gemeenteschool +is gevestigd in een oud Capucijnerklooster. Daar werden in ouden tijd +de inwoners genoodigd, om op Goeden Vrijdag kabeljauw te komen eten, +zooals men op Sint-Jan sardines ging nuttigen bij de Jacobijnen. + +Het kerkhof omgeeft de Sint-Davidkapel. Er bestaat een zoo goed als +volledige lijst van de burgemeesters der stad van de eerste jaren +der 16de eeuw tot 1790. De zeehandel is afgenomen, schepen van dertig +tonnen kunnen niet meer de rivier opvaren door de ondiepten. + +Twee Benedictijner monniken, die beroemd zijn geworden, werden te +Quimperlé geboren, Gurheden, geschiedschrijver van het klooster +Sainte-Croix in de 12de eeuw, en Dom Morice, schrijver van de +Geschiedenis van Bretagne, uitgegeven in 1750. Ook zijn er geboren +generaal Hervé en de prediker Boursoul, terwijl de zeevaarder Du +Conëdic ook dichtbij Quimperlé het levenslicht aanschouwde. + +Ofschoon er nogal toeristen komen en enkele Engelschen zich er +gevestigd hebben, blijft de streek toch eenzaam en een heerlijk oord +voor wandelaars door het groote bosch van Clohars-Carnoët, een domein +van 724 H.A. + +Het begint aan het benedeneind der stad en strekt zich uit tot aan het +dorp Clohars, en hier en daar liggen brokken verspreid, eikenlanen, +hoekjes dennebosch en boomgroepen. De groote wegen worden dikwijls door +pleizierrijtuigen bereden; maar de wegjes en voetpaden zijn eenzaam +en verlaten, verlicht door 't groene schijnsel, dat door de boomen +valt. De plantengroei op den grond en op de hellingen der wegen is +dicht en weelderig; hooge varens en distels staan er tusschen rose +en paarse heide, en al die lage gewassen herbergen een wereld van de +grootste verscheidenheid en ongehoorden vormenrijkdom, een wereld van +insecten en vliegen en vlugge mieren, die lasten torsen grooter dan +zij zelve. Vlinders van allerlei gedaante en kleur, morgenvlinders +en avondvlinders, kleine bleekblauwe kapelletjes, die als fladderende +viooltjes zijn, legers gestreepte en gebronsde kevers van kopergroen en +gevlamde tinten, sommige met helmen en zwarte kurassen en horens als +van een hert, dat alles leeft hier als in een klein bosch onder het +groote. Men krijgt het alles te zien, als men zich maar onbewegelijk +houden kan en op dezelfde plek oplettend alles wil gadeslaan, zonder +de eindelooze tochten te storen van al die kruipers en vliegers en +van de velen, die elk doorgangetje tusschen de grassprietjes kennen. + +Heft men het hoofd op, dan krijgt men een indruk van den tempel van +ongekorven hout; de boomstammen gaan rechter en losser en fierder de +hoogte in dan de zuilen van gothische kathedralen. Zij hebben vorm en +kleur en hardheid als van steen; de tijd heeft hun hout verhard als tot +graniet. Er is een plekje, waar het aantal woudreuzen bijzonder groot +is. Men ziet het van den grooten weg, die het bosch recht doorsnijdt +in de richting van Clohars. Het bosch loopt hier over heuvels en door +dalen en op een der hoogten ziet men een groep pijnboomen van edelen +vorm en onvergelijkelijke gratie. Daar ze hun naaldenkroon enkel op +den top dragen en geen lage takken hebben, beheerschen zij als reuzen +het woud. In de ondergaande zon en het rose schijnsel doen hun rechte +stammen denken aan masten van schepen; hun graniet wordt tot porfier, +en de wind ontlokt klanken als van een orgel van hun donkere kronen. + +Het eenige geluid, dat aanhoudt bij dit windgesuis, dat toeneemt en +vermindert, zucht en fluistert en in golven aanbruist, is het gezang +der vogels in de heggen en de boomen. Zij houden zelfs niet stil, +als men voorbijgaat, of als er een roofvogel over het bosch vliegt, +tot hun plotseling het zwijgen wordt opgelegd, als de wreede roover op +een open plek in 't bosch zijn prooi uitkiest. Alle andere geluiden +zijn kort van duur en toevallig, en om ze te hooren, moet men goed +opletten als een jager, en tevens met het geduld en de voorzichtigheid +van een hengelaar. 's Nachts vooral kan men lichte of zware schreden +hooren van de dieren in het bosch, of plotseling verschrikt worden +door vormen, die eensklaps uit het kreupelhout voor den dag komen en +in een paar sprongen weer verdwenen zijn. Dan heeft het bosch zijn +zwarte en zijn twijfelachtige, doorschijnende plekken; het is vol +ongeziene dingen, vol van het geheimzinnige in de natuur, dat altijd +den mensch schrik heeft aangejaagd. + +Over dag ziet het er vriendelijker uit, vooral hier en daar aan +den rand of op enkele hoogten, waar de hutten van kolenbranders en +klompenmakers zijn gelegen. Daar vindt ge ze, de ware heeren van het +woud, evengoed er meesters als de wachters, die bij bochten in den +weg u voorbijgaan met het geweer op schouder en in den correcten pas +van den soldaat. Die bijeenstaande hutten, die er geïnstalleerd zijn +als in een Indianenkamp, die rook, die keukens in de open lucht, die +werkende mannen, die lachende kinders in het groen, alles spreekt tot +den beschaafde van instinctieve vreugde, van een onbezorgd voortleven +van den eenen dag op den anderen, van de aanvaarding van een bescheiden +bestaan, nederig en vrij en zoo gelukkig mogelijk. + +Dit mooie bosch van Carnoët kent levendige feestvreugde, en wel eens +per jaar, op Pinkstermaandag. In Toulfouën bij den ingang van het bosch +wordt vogelmarkt gehouden, een waar feest voor den heelen omtrek. In +de buurt zijn de ruïnen van het kasteel Carnoët, waar Con-Mor huisde, +een der Blauwbaarden van Bretagne. + +Maar de stad is het uitgangspunt van nog andere uitstapjes. + +Quimperlé, dat de stilte van den nacht en de vroolijkheid van den +dag kent, heeft niet alleen een bosch, het heeft ook een rivier en +op twaalf kilometer afstands de zee. + +Die twaalf kilometer kan men afleggen door het woud van Clohars-Carnoët +of langs de rivier, de Laïta, gevormd beneden het stadje door +de vereeniging van de Ellé en de Isole. 't Is waar, dat men op die +rivier zich nog in het bosch bevindt. Het water der Laïta stroomt onder +struiken door en tusschen eiken en beuken. Het is blauwachtig en helder +bij 't verlaten van Quimperlé, wordt dan onder het kreupelhout groener +en donkerder, weerspiegelt het gebladerte en laat heel in de diepte een +streep over van de lucht, schittert dan weer vrij op de open plekken +en wordt bij de bochten gelijk aan een liefelijk meertje. Stelt u het +bosch van Fontainebleau voor, doorstroomd door een rivier. Die stroom +wordt breeder en breeder, laat zijn oevers droog in den tijd van eb, +vloeit tusschen door rotsen versterkte kanten, met pijnbosschen bedekt +en boschjes van kastanjeboomen. Na een oponthoud te Saint-Maurice, +waar men voorbij een kasteel uit de 18de eeuw gaat, dat zich spiegelt +in een vijver, en waar men de ruïnen der abdij Saint-Maurice bezoekt, +omgeven door de gebouwen van een boerenhuis, gaat de rivier met +korte golfjes verder. Die eerste elastische golfjes schijnen de boot +aangenaam aan te doen, nadat zij lui den kalmen loop van 't water +heeft gevolgd. Men wordt herinnerd aan een paard, dat eerst op een +moeilijken weg dommelig en traag heeft geloopen en dan, door zweep +en woord aangemoedigd, een mooien weg vóór zich ziet, waar het flink +en ferm lang achtereen vlug zal kunnen draven. + +Zoo komt de boot, die het eerst al te gemakkelijk had in tegenstelling +met het paard, opgewekt te Pouldu, dat tegelijk aan de rivier en de +zee is gelegen. + +Het is een gehucht, waar het goed rusten is voor hen, die villa's aan +de kust hebben gebouwd en hun met vijgenboomen beplante tuinen door +hooge muren hebben omgeven. Het strand der zee is hier omzoomd met +struikgewas vol bloemen en in den herfst met vruchten overladen. Nu +kweelen er de vogels in. De rotsen zijn laag, en hier en daar dalen +lange, zachte, zandige hellingen af naar zee. Aan den horizon ziet men +het eiland Groix, als een steenen tafel oprijzend uit de golven. In +de zachte lucht komt een aroma van bloemen naar ons toe door de zilte +zeelucht heen. + +Ten tijde van mijn verblijf te Pouldu en te Quimperlé hadden het +dorp en het stadje een eigenaardig karakter, dat ik niet verborgen +wil laten, al moet de nationale trots er onder lijden. Het een en +'t ander vormen samen een badplaats, die een soort van engelsche +kolonie is, een volledige kolonie, waar men zich niet zou verbazen, +als men er een consulaat vond en een engelsche vlag. + +De hôtels van Quimperlé waren ingenomen door engelsche families +of door engelsche jonge meisjes met haar gouvernantes. Meer dan de +helft der plaats, ja bijna de geheele stad, was bezet door John Bull +met vrouw en kinderen, en John Bull leefde hier als in Australië of +in Indië. Hij heeft zin voor cosmopolitisme, en dat toont hij in een +hoekje van een stil, kalm stadje in Bretagne, waar hij zijn zomerrust +geniet, even duidelijk als in die streken, waar hij regeert in naam +van zijn koning-keizer. Hij is overal op zijn gemak, en als men zegt, +dat de Engelschman zoo aan zijn home gehecht is, sluit dat tevens in, +dat hij zijn tehuis overal kan vinden en dat alle plaatsen geschikt +zijn, om er zijn thee en zijn biefstuk met smaak te gebruiken. + +Te Pouldu was alles vol, net als te Quimperlé, en veel Engelschen, +die het klimaat boven dat van Londen verkiezen, blijven er het geheele +jaar. Zij hebben hier hun huis, hun boot, hun rijtuig; ze dwalen +langs de kust, loopen door het bosch, en overal ziet men hun witte +hoeden, groene voiles en geruite pakken. Want zij geven zich hier +het uiterlijk van de Engelschen uit onze vaudevilles, en de dames en +kinderen overdrijven eveneens de anglomanie. En daarom ook ontmoet +men in het land der vroolijke klompen en der mooie boezelaars zooveel +groote meisjes, die als kinderen van Kate Greenaway gekleed gaan, +en die veel te ernstig kijken, als ze naar huis gaan van een zitje +bij het teekenen van een aquarel of van een levendige vlinderjacht. + +Er is wel een verklaring van te geven, waarom de Engelschen en +villégiature zich er dadelijk zoo stevig installeeren, waarom onze +buren van overzee terstond de omgeving verengelschen, het stadje, 't +hôtel, het strand en alle plaatsen, waar zij hun tenten opslaan voor +korteren of langeren tijd. De eigenaardige zeden en gebruiken geven +er de waarde aan van een _home_, dat de Engelschen zoozeer op prijs +stellen, evenals al degenen, die over Engeland spreken. Het bestaat +wel, dat gevoel, maar niet alleen op de gevoelige, dichterlijke en +romaneske manier, zooals allen zich dat voorstellen. Het is ver +uitgebreid, gegeneraliseerd, algemeen geworden. Het _home_ is de +plaats, waar de Engelschman zich bevindt. Ook de plaats, die de zee +voor hem inneemt, is daardoor aangewezen; zij vooral is zijn domein, +waar de andere volken zich eigenlijk niet mogen vertoonen. Het is +vrij gemakkelijk in te zien, hoe dit gevoel hem is aangeboren en zich +altijd bij hem heeft ontwikkeld. De dubbele verklaring hangt samen +met de aardrijkskundige gesteldheid van Engeland, met zijn rol in de +wereld en ook met den zin voor het reëele, die een der karaktertrekken +is van het handeldrijvende volk. + +Het moederhuis is een eiland. Het was voor de daar gevestigde +menschen volstrekt noodig, hun fortuin op het water te beproeven. Hun +continentale uitbreiding in Europa is hun onmogelijk gemaakt door het +verzet van Frankrijk; zij hebben in ons een levensfrischheid en kracht +gevonden, waarop hun pogingen zijn afgestuit, en dus hebben zij hun +horizon elders moeten uitbreiden. En dan was er de zee! Die hebben zij +golf na golf veroverd; ze hebben haar geheel geëxploreerd; zij hebben +alle landen op alle breedten aangedaan, overal hun vlag geplant, waar +nog een zandbank was te vinden. De bewoners van het europeesche eiland +zijn ten slotte in het bezit geraakt van een onmetelijk rijk, dat met +zorg uitgekozen koloniën omvat, die op het budget prijken met baten, +niet met nadeelige saldo's. Dan, na dien zegetocht over de wereld, na +die vestiging hier en elders verschijnt de zin voor de werkelijkheid, +en de practische geest gaat aan het werk. + +De Engelschman verstaat, zooals men heeft gezegd en dikwijls herhaald, +de kunst van reizen, en het denkbeeld, dat men leert door reizen +is aan hem bewaarheid. Zoo heeft hij leeren begrijpen, dat de aarde +heel klein is, och zoo'n klein planeetje, dat men gemakkelijk naar +alle zijden kan bereizen, terwijl het engelsche volk talrijk genoeg +zou wezen, om het geheel te bezetten. Maar die onderneming biedt wel +eenige moeilijkheid, en nu hij de aarde niet geheel voor zich kan +nemen, stelt hij zich tevreden met een gedeeltelijke bezetting en +inbezitneming. Toch is het gevoel van die universeele souvereiniteit, +die niet tot de onmogelijkheden behoort, hem bij en uit zich altijd +en overal, in de kleine bretonsche steden, uitgekozen als geschikte +punten, daar het klimaat er heerlijk is, en op de groote, wijde zee, +die er slechts schijnt te zijn, om de Britsche eilanden met water +te omringen. + +Te Pouldu hield ik mij eenigen tijd op in het oranjekleurige zand en +de holle wegen, waar de hellingen met wilde aardbeien en viooltjes +zijn begroeid. Toen ging ik per boot naar Douëlan en Pont-Aven. Het +eerste is een haven, waarin enkele booten liggen. Pont-Aven "stad van +naam, veertien molens en vijftien huizen, meldt de faam", zegt het +spreekwoord. Er zijn inderdaad molens te Pont-Aven, maar er zijn nog +meer rotsen en 't allermeeste schilders; schilders van alle naties +en 't meest amerikaansche schilders. Het heet, dat een Amerikaan +Pont-Aven heeft ontdekt in 1872. Welk een hôtel en wat voor table +d'hôte toentertijd! Maar het landschap vloeide over van tooneeltjes, +door die heeren als motieven aangeduid. De rivier is verrukkelijk +door haar watervalletjes en scherpe bochten, door groene oevers en +kleine strandjes, waar men een schildersezel kan neerzetten. + +De meisjes van Pont-Aven maken zich mooi en hebben een gerechtvaardigde +reputatie van behaagzucht. Ze besteden veel geld aan degelijke +stoffen voor haar japonnetjes, vooral het bruidskleed moet prachtig +zijn. Haar nationale dracht vertoont veel fluweel en borduursel, +goud- en zilvergarnituur en allerlei versiering. + +Niet ver van Pont-Aven ligt de kapel Trémalo, een laag gebouwtje, +waarvan de muur maar even boven den grond reikt met een hoog dak erop +en een klein klokkentorentje, zoodat het geheel er als een schuur +uitziet; verder het kasteel Hénan, dan veel dolmens of hunebedden, een +ingestorte toren en begroeid plateautje, die de ruïnen van Rustephan +moeten zijn, gesticht in de 12de eeuw. + +Dan bereikte ik Bannalec, het land der zwarte mutsjes, dan Rosporden, +waar ik in den namiddag aankwam en waar alles mij doodsch en verlaten +scheen met het stille marktpleintje en de zwarte huizen, en Concarneau, +dat mij aan Pont-Aven deed denken. + +De aankomst in den zomer tegen het vallen van den avond te Concarneau +in een der hôtels, die op de haven uitzien, geeft een goed denkbeeld +van de villégiatures in die visschersplaatsjes. De dame van 't hôtel +heeft, zoo al niet de nationale dracht, toch het karakteristieke +mutsje behouden, maar er is veel schijn bij die vertooningen, en +de bretonsche meubels zijn in Parijs gemaakt en toen verzonden naar +de handelaars in oudheden in die kleine stadjes. Hier bijvoorbeeld +is gelukkig de eetzaal echt engelsch en modern, vernist hout en +electrische verlichting, maar de costumes der dames, wit en rood en +fleurig, de mannen met hooge witte boorden, alsof ze een rol in een +blijspel speelden, waarin het leven op een kasteel voorkwam, en geen +middagmaal in een dorpsherberg vlak bij de schepen met sardines. + +Concarneau gelijkt teveel op een deftige badplaats; maar als men +het plaatselijke leven nagaat, is het bestaan der visschers altijd +interessant. Ruwe, sterke heftige mannen zijn het, die soms een +wedstrijd houden met volle booten, om maar het eerst hun visch te +verkoopen. Daarna wordt alles weer kalm, als de booten op een rij +liggen in de haven, en de netten drogen. + +Ik ben hier gekomen in een tijd van feestelijkheden; en ik meng mij +onder de menigte, die kijkt naar wilde-beestenspellen en luistert +naar straatzangers. Er zijn veel vrouwen bij met bretonsche mutsjes +en mannen met snorren, uit het régiment meegebracht. + +De beide stadjes staan met elkander door een brug in gemeenschap. De +nieuwe stad is slechts een voorstad, maar die neemt toe in aanzien +en wint het van de moederstad. Deze heeft een geschiedenis, verhaald +door de stevige muren. Zij is bezet geweest door de Engelschen, +werd bevrijd door Du Guesclin en had te lijden in de oorlogen der +Liga. Tusschen de hooge wallen, en in de vesting met gekanteelde +muren is thans een visscherijschool gevestigd. + +Buiten Concarneau kan men een bezoek brengen aan het museum Keryolet, +aan het departement vermaakt door de gravin Chauveau Narischkine. Het +uitwendige is een slechte nabootsing van werk der 15de eeuw, maar er +zijn enkele mooie dingen, oud borduursel, aardewerk en een verzameling +mutsjes. Toch is het prettiger, door de velden te loopen, waar de +natuur prachtig is. + +Deze heele streek van Bretagne is als een tuin, gelegen op de +zuidelijke helling der Zwarte bergen, een oude, liefelijke tuin met +eeuwenoude boomen, bloeiende velden en omlijnd door het saffierblauw +van de zee. Van Quimperlé tot Douarnenez ademt alles rust, bekoring +en vroolijkheid, met uitzondering alleen van de vooruitstekende +rotspunten, die van Penmarch en du Raz. + +In deze opmerking is niets overdrevens. Er is in Bretagne een +eigenaardige tevredenheid, een natuurlijke vroolijkheid bij de +bewoners. Reeds in het noorden van het land, aan het Kanaal, waar +men den ernst verwachten zou in de straatjes der kloosterachtige +steden, heeft de melancholie haar glimlach. Ik denk vooral aan de +vrouwen van het land, nu ik dit schrijf, de vrouwen, die het leven +zoo kalm opnemen, zoo aanhoudend bezig zijn en zoo bevallig zich +bewegen met onveranderlijk, kalm gelaat. Zij kunnen echter ook +wel haar genoegen er af nemen, en niet alleen de jonge meisjes, +ook de oude vrouwen dragen dikwijls den gelukkigen glimlach, die +aantoont, dat zij 's levens zorgen niet zwaar nemen. Op feestdagen, +bij bruiloften en boetedagen ontmoet men altijd bekoorlijke oudjes, +zacht, eenvoudig en welwillend, die u een tot weerziens toeroepen, +haar "kennavo!" alsof ze wilden zeggen, dat men ze misschien niet zal +terugzien in de vroolijke gezelschappen, maar dat zij niettemin zeer +gelukkig zouden zijn, als ze nog één- of tweemaal mochten terugkeeren. + +Nog duidelijker komt het opgewekte humeur aan den dag in het zuiden +in de streken aan den Atlantischen Oceaan; de taal is er levendiger; +de menschen spreken haastiger en luider, en er wordt meer gezongen. Op +de wegen hoort men lachen en zingen en praten; elk kruispunt van +wegen wordt een societeit, soms een danszaal. Een muzikant, op een +ton staande, is voldoende, en men danst de oude boerendansen met de +vastgestelde figuren en de deftige buigingen. + +Ik heb zulke menuets zelfs zien dansen op den weg naar Raz in dat +sombere landschap, waar de velden door steenen zijn omsloten. Er +moet een groot weerstandsvermogen in het ras aanwezig zijn, om zoo +de nederige en bescheiden algemeene vroolijkheid te kunnen handhaven +bij de vijandige natuur tegenover die zee, die zoo dikwijls wreed en +woest is. Maar het landschap is daarentegen vertrouwd en vriendelijk +langs de holle, door groen beschaduwde wegen, de voetpaden, tusschen +hagen ingesloten en de velden, bloeiend afloopend naar zee. + +Mij treft die luchthartigheid in het land, dat met zijn schoone +boomen de baai de la Forêt omzoomt en dat tot Concarneau en de in +zee uitstekende punt Beg-Meil voortloopt, terwijl ik door het dorp La +Forêt en 't gehucht Fouesnant ga. Men beschrijft, als 't ware, al dat +groen, die rose en blauwe velden en den glanzigen zeespiegel voor zich +zelven, alleen als men die dagen herroept en zich de aardige gesprekken +weer te binnen brengt. Ik weet wel, dat de strijd om het bestaan ook +hier als elders een onaangenamen kant kan hebben; maar ondanks alles, +ondanks de kwaal van het snobisme, hier en daar opgetreden op bepaalde +plaatsen aan de kust, ondanks de kwade praktijken, met de beschaving in +de veelbezochte dorpen gebracht, ondanks de noodzakelijke laagheden, +die met het bezit van geld worden aangevoerd, is dit toch het land, +waar men nog 't best een eigen, vrije manier van leven behoudt en +een belangelooze vreugde aan het schoone der natuur. + +De Glenans-archipel, ten westen van de Woudbaai gelegen, telt negen +eilandjes, waarvan één, Cigogne, een fort draagt. De belangrijkste +daarna zijn Loch, Penfret, waar een vuurtoren en een semafoor +zijn opgericht, en 't eiland Sint-Nicolaas, waar men tevergeefs +beproefd heeft, een kapel te bouwen voor het honderdtal bewoners, +allen visschers, die er in hutten wonen. Dit is niet Belle-Ile, noch +Groix. Al deze eilandjes vormden vroeger samen één eiland, zegt men; +maar de zee heeft zich tot taak gesteld, die eenheid te verdeelen, +den grond vaneen te scheuren en de rotsen uiteen te doen wijken. Het +is nu niet anders dan een hoop boven water uitstekende rotsen, een +golfbreker voor de baai van La Forêt. + +Fouesnant ten noordwesten van die baai is een bloeiend dorp, waar +veel drukte heerscht op marktdagen, op het plein bij 't kerkhof en +de kerk. Men kan er varkens te zien krijgen, zoo groot als kleine +ezels. Er wordt een massa boter verkocht en appelen vent men er; +de appelwijn van Fouesnant heeft een goeden naam, en hij verdient +dien. Een der belangwekkendste personen, die ik ooit in mijn +leven heb ontmoet, is een appelenkoopman, die te Roscoff woonde, +en die te Fouesnant kwam, toen ik er vertoefde, om een deel van den +oogst of misschien wel alles, op te koopen. Hij was, zoo gij wilt, +commis-voyageur, want hij reisde voor zijn handel en hij nam gaarne +het woord aan de table d'hôte van het kleine hôtel, waar hij was +afgestapt en waar ik ook logeerde. + +Hij was er een bewijs van, dat de commis-voyageurs niet allen, zooals +beweerd wordt, zoutelooze verhalen doen of opsnijders en kletsers +zijn. Deze was een goed spreker, zeker, maar hij praatte niet, +om niets te zeggen. Hij had heel wat van de wereld gezien, Europa, +de kusten van Afrika, Amerika, Azië en Oceanië. Het bijzondere was, +dat hij goed had gezien al wat hem onder de oogen kwam. Ik heb eenige +avonden met hem gesleten, niet om met hem een gesprek te voeren, +maar eerder om naar hem te luisteren, hem slechts een woordje tot +antwoord gevend, om hem op te wekken, door te gaan. + +Nooit heb ik zulk een verzamelaar van feiten ontmoet en ik ben +nog al met menschen in aanraking geweest, maar deze was waarlijk +verrassend. Hij was begiftigd met een geheugen, dat geen aarzeling, +noch weigering kende, en dat, naar men terstond merkte, niet door +boeken was gevoed. Hij had in zich de herinnering bewaard aan alle +landen, die hij bezocht had, alle zeden en gewoonten, die hij had +waargenomen. Hij was op de hoogte van regeeringen en wetgevingen en +handelstoestanden en kende allerlei bijzonderheden, die zich aan hem +hadden voorgedaan. Wat Bretagne aangaat, daar kende hij alle steden, +alle dorpen, alle gehuchten, wist wat er op de velden groeide, +waarmee de bewoners zich voedden, hoe zij zich kleedden en welke +hun karaktertrekken waren. Hij beschreef den vorm der mutsen, het +borduursel van 't corsage, de manier, waarop ceintuurgespen werden +gesloten, en tegelijk gaf hij wenken over de geschiktheid voor den +handel, den stoutmoedigen of schroomvalligen geest der menschen, +hun somber of opgewekt humeur. En met hoeveel menschen had hij niet +zaken gedaan! Deze appelkoopman was van gemiddelde lengte en ook van +middelbaren leeftijd, gedrongen, met breede schouders, een forsch, +welgebouwd hoofd had, een kleinen zwarten knevel met enkele witte +haren erin en kleine, zwarte, onderzoekende en zeer scherpziende oogen. + +Als gij hem ontmoet en hem aan dit signalement herkent, schroom dan +niet, een gesprek met hem aan te knoopen; ge zult u den tijd niet +beklagen, dien gij hem schenkt, en ge zult u niet vervelen bij dien +verzamelaar van feiten, die altijd bereid is, u zijn collecties te +laten zien en steeds eenvoudig, overtuigd en met geest het woord voert. + +Des middags en des avonds bleef ik langen tijd bij dien sympathieken +prater. Maar toch vond ik 's morgens en in den namiddag den tijd, de +omstreken te gaan zien en 't land van Fouesnant te leeren kennen. Ik +wandelde dikwijls naar Beg-Meil, een zomerstadje aan den westkant van +de baai, met kleine huisjes, zandige tuinen en veel groen. De kust is +er laag met kleine duinen en zacht gras bedekt. Daar tegenover zag +men de grijze, violette of in het licht schitterende rotsen van de +Glenans-eilanden. Maar mijn liefste wandelingen waren de schaduwrijke +wegen naar den achtergrond der baai. De zee, door al het groen gezien, +is onvergelijkelijk mooi, en de baai, die zoo weinig wordt bezocht, +doet voor geen inham in schoonheid onder; men geniet daar in de buurt +de schoonheid van een met zorg aangelegd park. De zuidelijke natuur, +zoo hoog geprezen, schijnt een schouwburgdecoratie, vergeleken bij +dit frissche, intieme landelijk schoon. Hier niet meer de gratie van +Quimperlé of de schilderachtigheid van Pont-Aven; maar in ernstige +lijnen en donker groen zijn er de wegen en de dalen getrokken, alles +uitloopend op het witte strand en de blauwe oneindigheid der zee. + +De vrouwen van Fouesnant zijn mooi, evenals die van Pont-Aven, dat wil +zeggen, ze zijn forsch en statig en soms vertoonen ze rijke kleedij, +als de omstandigheden het zoo meebrengen. Haar gewoon costuum is +maar eenvoudig; een rok, een boezelaar met banden en een lijfje, +maar alles is met borduursel overladen, borduursel van goud en zilver +en gekleurde zijde. Er bestaan van die costuums uit oude tijden, +die ware meesterstukken zijn, en de vrouw, die ze draagt, schijnt een +standbeeld, stijf en schitterend voor een processie naar buiten gekomen +als een heiligenbeeld. Zij loopt dan ook met afgemeten schreden, in +het volle besef harer gewichtigheid. Het mutsje met de linten ligt +op het voorhoofd, de beide vleugels sluiten bij twee zijden van het +gelaat aan. Dat laatste heeft mooie trekken, lange, zachte oogen, +maar het is dikwijls mager met een langen neus en dan heeft het met +den kleinen mond een uitdrukking van een listig muisje. + +Van Fouesnant ga ik naar de Forêtkapel dichtbij, tusschen hooge boomen +met een lijdensberg erbij, en dan naar Benodet. + +Er was feest te Benodet op een Zondag. Gekleurde boezelaars kwamen uit +alle holle wegen aanloopen. Kleine meisjes in lange jurken en met roode +boezelaars als standbeelden in nissen zijn op het oog de aardigste +oude vrouwtjes, die men zich kan denken. Zij vereenigen de grappige +komiekheid van de jeugd, die zich voor 't eerst verkleedt, met die +van kleine meisjes, die haar poppen dragen met de zorg van oplettende +moedertjes. Achter haar loopen de vrouwen met haar klokrokken en de +weinig lenige lijven, als uit hout in het corsage gesloten. + +Het is een bewonderenswaardig land; men ziet er velden met tarwe +en aardappelen, vlas en rogge en veel boomen als in een park of +een boomgaard. + +"Vroeger, toen wij Lotharingen nog hadden", zei de koetsier, die mij +reed, "noemde men dat den tuin van Frankrijk. Nu is dit land hier +zoo gelukkig". + +Ik geloof, dat de koetsier Lorraine met Touraine verwart, dat wij nog +altijd bezitten; maar ik help hem niet uit den droom. En deze streek +is toch ook inderdaad een prachtige tuin. + +Wij komen te Benodet. De kermis aan het water gelijkt op alle andere +kermissen; maar men heeft er hier de zee bij met haar witte zeilen als +achtergrond. Het spel met de stokken, het worstelen van den sterken +man met den liefhebber, het zijn gewone kermisvermakelijkheden. Maar +de liefhebber, een jonge boer, die gedronken heeft en niet weg wil, +staat met open mond te wachten op een tweeden slag en geeft iets +eigenaardigs aan de voorstelling. + +Ook de vrouwen en meisjes van Fouesnant met de muizenprofielen en den +kleinen mond, met de mutsjes boven op het hoofd, die heel wat donker +haar onbedekt laten, zijn geen alledaagsche toeschouwsters en geven met +de naïeve, gezonde en geamuseerde trekken aan alles een eigen karakter. + +Anderen loopen ernstig rond, laten zich kijken meer dan zij +rondzien. Dat zijn de schoonheden uit het land van Fouesnant +met goudborduursel op hun jakjes. Daar zijn er twee, een met +kastanjebruinen boezelaar, de ander met een bleek lilaschortje met +bloemen erop; ze beslaan den geheelen weg en zijn breed en forsch +in haar rijken tooi. En het geheele bretonsche land, alle typen +dooreen, ziet men op een hoekje van het feestterrein vóór een tent, +met dit opschrift: "Mevrouw Anézel, somnambule van den eersten rang, +consulten over het verleden, het heden en de toekomst, voor civiele +en militaire zaken, handelsaangelegenheden of liefde...." + +Op den drempel verschijnt te midden van een troep Zigeuners de +oostersche schoone, een mooi donker meisje met gekroesde haren, een +koperkleurige gelaatskleur en brutale, fluweelen oogen. Zij loopt heen +en weer met de handen in de zij, bewegelijk in haar lenige manieren +tusschen dit stijve volkje van Bretagne. Ze staat stil, noodigt een +boer binnen te treden in de tent en dringt bij hem aan met woord en +gebaar en zachten drang. De vierkante boer met zijn ringbaardje om +de kin blijft onverzettelijk, doof en stom, een schuine, wantrouwige +beer, die een poesje ziet rondscharrelen. + +Benodet ligt aan de rivier en aan de zee; de eerste is de Odet, +die hier komt, na Quimper te zijn voorbijgestroomd en de baai van +Benodet ligt wijd open naar de zee. De burgerij van Quimper komt +hier uitspanning zoeken; er zijn veel mooie huizen midden in tuinen +en een breed en veilig strand, waar de baders druk aan 't wandelen +zijn. Plotseling wordt de lucht donker, het weêr verandert; blauwgrijs +wordt het uitspansel en in den regen loop ik de Odet over. + +Aan den anderen kant heeft men het land van Pont-Labbé en Penmarch, +waar ik een bezoek zal brengen, vóór ik naar Quimper terugkeer. Vóór +Pont-Labbé liggen de eilanden Tudy en Loctudy. Het eerste is geen +eiland meer, want de zee heeft zooveel zand aangevoerd, dat het met +de kust is verbonden; maar als men er den voet zet op dien grond, +die met de zee gelijk staat, heeft men een gevoel, van in het water +te zijn. De kleine lage huizen met hun tuintjes zijn als vastgemeerde +bootjes, waaromheen de netten hangen te drogen. Er zijn nog andere +eilanden in de buurt, Chevalier, Garo, het Gemzeneiland; 't is een +soort van archipel in een ondiepe, woelige zee. Het dorp Loctudy aan +de overzijde van de Pont-Labbérivier, is beroemd om zijn romaansche +kerk, men kan er gemakkelijk komen van het eiland Tudy, als men een +voorbijvarende boot neemt. De kerk is wel dat korte reisje waard om +haar zuilen met versierde kapiteelen, en ook de bevolking verdient +een bezoek, de mannen met de versierde vesten en de vrouwen met de +hoog op het hoofd gedragen mutsen. + +Van daar bereikt men Pont-Labbé per rijtuig of per boot naar +verkiezing; maar nu het weer begint te regenen, is het verstandiger +een rijtuig te kiezen. Men rijdt een tijdlang langs de zee, maar +dan wordt het bevallige landschap doodscher; de boomen staan wijder +uit elkaâr, en het land wordt moerassig en arm, met kleine stukjes +bouwland ertusschen. + +Pont-Labbé is thans niet meer dan een klein visschers- en +ankerplaatsje. Vroeger heeft de stad haar dagen van glorie gehad. Het +is het centrum geweest van een der machtigste baronnieën van Bretagne, +heeft een vestingwal van muren gehad, waarvan nog sporen over zijn. De +vesting werd ontmanteld, want zij onderwierp zich niet zonder weerstand +te bieden aan de koninklijke macht, en in 1501 moest een edict den +heeren van Pont-Labbé gelasten, zich voortaan niet meer te noemen +heeren van het hertogdom Bretagne en niet meer de wapens van dat +hertogdom te voeren. + +In 1673 woedde te Pont-Labbé een oproer als verzet tegen het verzegeld +papier, ingevoerd door Lodewijk XIV. De stad is er goed blijven +uitzien, en 't is een genot, er binnen te komen na een vermoeienden +rit, zelfs als het regent. De huizen van graniet, oud van voorkomen, +hebben al den ernst van gebouwen, die al twee- of driehonderd jaar +oud zijn en zoo goed gebouwd werden, dat ze nog soliede zijn. Langs +de kade staan schaduwgevende boomen, en de haven levert een aardig +tooneeltje op met de vele booten, de rij van huizen en den hoogen +klokkentoren. De gebouwen van het Karmelieterklooster zijn afgebroken, +en het klooster is later te Quimper weer opgericht, ingewijd 17 Maart +1902. De kerk is de oude kapel van dat klooster uit het einde van de +14de eeuw, gerestaureerd in de 16de. + +Alle vrouwenhoofden dragen hier den _bigouden_, waar men nog +teekeningen van phoenicischen oorsprong op meent te herkennen, en +van laken of fluweel vervaardigd. Dat mutsje wordt boven op het hoofd +gedragen en laat het haar van het achterhoofd vrij. De rokken hebben +meestal een fluweelen rand, de mouwen van het lijfje zijn bewerkt en +kleurrijk evenals de boezelaars. De mannen dragen ronde hoeden met +smalle randen en met fluweelen linten versierd. De vrouwen met haar +wijde rokken lijken op laplandsche vrouwen. Zij gaan voor leelijk door, +maar er zijn toch wel aardige bij; men moet ze niet vergelijken bij +vooraf gemaakte schoonheidsvoorstellingen met haar korte, platte +neuzen en blauwe, starende oogen. Ze hebben geen gebruinde tint, +maar zien er blank en rose uit, als vrouwen uit het Noorden. + +De weg van Penmarch volgt eene zuidwestelijke richting, bestijgt +een hoogte door de landes, door dennenbosschen en bouwland. Men kan +zich ophouden in het kasteel Kernuz, toebehoorende aan de familie +Châtellier, en het museum bezoeken, waar talrijke belangwekkende +voorwerpen zijn, zooals de druïdische diademen van massief goud en +veel romeinsche beeldjes van gebakken aarde, te Tronoën gevonden, +en door romeinsche soldaten in Gallië gebracht. Zij stelden huisgoden +voor en fetisjen, ook Venussen en Juno's, onder welke één bijzonder +bekoorlijk was, een rijzige, slanke Venus, de eene hand omhoog geheven, +de andere op de heup gesteund, met een kapsel, verdeeld in golvende +bandeaux. Ook is er een gallisch graf te zien, een vreemde dolmen, +waarop de figuren zijn gebeeldhouwd van Mars, Mercurius en Hercules. + +Te Plomeur wordt het land nog armer. Het is een effen vlakte zonder +boomen, waar enkel druïdische steenen en torens boven lage huisjes +de aandacht trekken. Dat terrein van rotsen en moerassen en heiden, +waar de wind vrij spel heeft, is het gebied van Penmarch, dat op een +ondergegane wereld gelijkt. De volksfantazie heeft er een mooie stad +geplaatst, met veel kerken en een bloeienden handel. Gustave Flaubert, +die zijn indrukken opschreef over een reis door Bretagne, heeft +herhaald, na Emile Souvestre, dat de straten ieder aan een bepaalden +handel waren gewijd, de straat der goudsmeden, die der geldwisselaars, +die der galanterieën enz. André Le Braz heeft niet veel moeite gehad, +om den geringen grond voor die veronderstellingen aan te toonen, +en ik ga de zaak niet opnieuw onderzoeken uit historisch oogpunt. Ik +kan alleen vertellen, wat ik van hoorenzeggen heb. + +Buitendien schijnt de natuur erop te wijzen, dat hier nooit zulk een +groote stad heeft kunnen verrijzen en standhouden. Het aantal kerken +doet er niet veel toe en haar grootte ook niet. Een kerk werd niet +alleen voor een stad gebouwd, maar ook voor de omgeving. Een kerkelijke +gemeente kon zeer groot zijn, al was ook de kerk slechts door enkele +weinige huizen omgeven. Het was voldoende, dat de toren van verre +zichtbaar was, en dat de boeren, in hun hutjes of werkend op den +akker, de tonen konden hooren, hun door den zeewind toegevoerd. De +wind wierp wel eens den toren omver, maar dan werd hij herbouwd, +omdat hij iets heiligs was. + +Maar het is niet waarschijnlijk, dat men met alle geweld een stad zou +hebben willen bouwen, waar die toch niet kon blijven bestaan, op dien +onvruchtbaren grond, gebeukt door wind en golven. Steden ontstaan op +natuurlijke wijze aan den oever van rivieren, in vruchtbare dalen en op +heuvelhellingen. Als het moet, vindt een dorp nog wel een plaatsje, +onverschillig waar, als het maar in de buurt der bebouwde velden +is. Overal waar de grond voor bebouwing geschikt is, verrijst een +huis. Een tweede voegt zich bij het eerste, dan een derde; er vormt +zich een groepje en men heeft het gehucht, het dorp. Het voetpad +wordt tot weg verbreed, en de weg kan tot hoofdroute worden. + +Geen stad echter zal ontstaan op een plateau, waar veel sneeuw valt, +noch op een vooruitspringende rots, die aan de woede der zee is +blootgesteld. Men zal dus denkelijk de belangrijkheid van Penmarch +in den ouden tijd sterk overdrijven; de stad zou bij een hoogen vloed +verzwolgen zijn of ten minste teruggebracht tot de afmetingen van een +bescheiden dorp of liever van enkele dorpjes en gehuchten. Maar alle +watervloeden zouden niet kunnen teweegbrengen, dat hier vruchtbare +grond was geweest en een omgeving, geschikt voor het bestaan van +een groote stad. Aan den anderen kant kan echter een veilige, goed +beschutte zeehaven een stad doen ontstaan. De booten roepen huizen +en pakhuizen. Men kan dus zonder bezwaar, in plaats van een stad, +die het geheele schiereiland overdekte, een groote stad aan zee +veronderstellen met veel klokkentorens, een stad van visschers, +reeders en kooplieden. Er wordt gesproken van vijftien duizend +inwoners van Penmarch, van achthonderd schepen, die op de kust +aan kabeljauwvangst deden. Zoo groot is ongeveer de beteekenis van +Douarnenez en Concarneau, die ongeveer zevenhonderd schepen hebben. Nu +zijn er zoowat tienduizend inwoners in Douarnenez en zesduizend in +Concarneau. Het oude Penmarch heeft een stad van dien aard kunnen +zijn. Maar de legende heeft er zich mee bemoeid. Men heeft onder het +water een stad meenen te zien, nog ouder dan Penmarch, begraven in de +golven. Dat is de stad Is, welker klokken men op sommige tijden hoort +luiden. Vroeger werd de mis bediend op het schip, boven de golven, die +een wereld begraven hadden, en wel voor de zielsrust der begravenen. + +Een haven, schepen en kabeljauwvangst, die vormen het vaststaand +verleden van de streek. De aanwezigheid van de kabeljauwen op de banken +in de wateren van Penmarch had visschers gelokt, en hertog Jan V moest +in 1494 een edict uitvaardigen, waarbij aan de landbouwers verboden +werd hun huis en hof te verlaten, op straffe van de strop. Toch wilden +allen fortuin maken, ten minste leven van die natuurlijke winst, +desnoods door den handel in visch, het "vastenvleesch", een handel, +die meer voordeelen afwierp dan de landbouw op het schiereiland. + +Emile Souvestre, die wat er verteld werd, heeft verzameld en er +een geschiedenis van heeft trachten te maken, schrijft hierover: +"Penmarch had toen een haven, gevormd door een lange pier, waarvan +men de overblijfselen nog kan zien, en die van Kerity liep tot de +rots La Chaise genoemd. Wat de stad betreft, zij bedekte het terrein, +waar nu de kleine gehuchten Penmarch en Kerity liggen, zooals blijkt +uit het puin, dat daar overal verspreid ligt. De groote uitbreiding +der stad was oorzaak, dat men haar niet had versterkt, maar daar de +ligging gevaarlijk was met het oog op de Engelschen en de zeeroovers, +hadden de meeste rijke bewoners hun huizen voor aanvallen trachten +te beschutten, door er een gekanteelden muur om te laten bouwen en +er een toren op aan te brengen. + +De ontdekking van de groote Newfoundlandbank voor de kabeljauwvangst +was de eerste slag, aan Penmarch toegebracht. De stad behield echter +nog haar handel met Spanje, handel in geweven stoffen, hennep, +vee enz. Toen volgde de vreeselijke ramp, de groote springvloed, +die de haven deed verzanden en oorzaak was van de verplaatsing +der kabeljauwbanken. Toch gaat Souvestre voort: "In het begin van +de 16de eeuw was het nog een belangrijke stad. Hendrik II stond +in 1557 aan zijn gelukkigsten boogschutter het recht toe, onbelast +vijf en veertig vaten wijn te verkoopen, een voorrecht, dat Rennes en +Nantes niet hadden kunnen verwerven. Maar tegen dien tijd begonnen de +zeeroovers meer aanvallen te doen en brachten der stad groote schade +toe". Ten slotte noemt Souvestre een ramp, misschien een springvloed, +die driehonderd booten deed schipbreuk lijden, op elk waarvan zich +zeven man bevonden. Veel kooplieden verlieten toen Penmarch met al +wat zij bezaten, om zich te gaan vestigen te Roscoff, Quimper, Brest +en Audierne. + +Tijdens de Ligue wilden de bewoners zich bij geen enkele partij +aansluiten; zij bouwden een fort te Kerity, stelden enkele der op +de gevaarlijkste plaatsen gelegen huizen in staat van verdediging en +veranderden de kerk van Tréoultré in een arsenaal en een schuilplaats +voor de vrouwen, kinderen en grijsaards. Dit was niet voldoende, om +Fontenelle tegen te houden, die door list de stad binnendrong, waar +zijn volk zonder mededoogen plunderde en moordde. Moreau zegt, dat de +heftigste moordtooneelen in de kerk plaats hadden, waar de bedden der +stedelingen tot bij het altaar stonden. De rooverhoofdman liet naar het +eiland Tristan in de baai van Douarnenez driehonderd booten met buit +brengen. Ondanks die ramp ging Penmarch niet aanhoudend meer achteruit. + +Op het tijdstip, toen Souvestre zijn reisverhaal deed, telden +de beide dorpjes slechts achttienhonderd inwoners; nu wonen er +zesduizend. Men heeft te Kerity en te Saint-Guénolé visschersbooten en +sardinebereiding. Er zijn uit den tijd, dien wij hebben opgeroepen, nog +enkele oude huizen over, die hun gordel van verdedigende muren hebben +behouden en ook torentjes bezitten. Er zijn ook zes kerken of kapellen, +waarvan Sint-Nonna de voornaamste is. Een opschrift boven de deur +vermeldt: "Op den dag van den Heilige Renatus in 1508 werd deze kerk +gesticht, en de toren in het jaar 1509". Het gebouw ziet er massief en +indrukwekkend uit en is versierd met grappig beeldhouwwerk, figuren, +druiventrossen, scheepjes. Het heeft een grooten vierkanten toren +met slanke torenspits. Binnen in de kerk vindt men een gebeeldhouwd +doopvont en een schilderij bij het hoofdaltaar, voorstellend het bezoek +van Lodewijk XIII te Penmarch. De kerk van Kerity, die het oudst is, +heeft als buurvrouw de kerk van de Tempeliers, die in zeer slechten +staat is, maar toch nog stevig in elkaâr zit. + +Ik heb al gezegd, dat er hier veel kerken zijn, de Sint-Pieterskerk, +de Notre Dame en de Saint-Guénolé, een der mooiste met haar vierkanten +toren, haar kijkgaten voor de bewakers en haar deur met gebeeldhouwde +scheepjes. Doch er zijn heel andere versterkingen aan het strand +der zee, reuzengroote, vlakke steenen, waar de golven over bruisen, +grillig uitgetande rotsen, waar de zee tegen breekt. Bij laag water +zijn het velden met verspreide steenbrokken, gelijkend op kudden van +dieren, die er weiden of er hun prooi beloeren. Als de vloed opkomt, +krijgt men den indruk van een voortdurend werkende, onweerstaanbare +macht. De vloed komt eerst met kleine witte randjes, die het zand +omzoomen als met witte kant. Dan neemt de beweging toe, de wind stuwt +de golven op, de golven worstelen tegen hinderpalen, en langzamerhand +schijnen van den verren horizon reusachtige golven op te komen, de +"witte paarden van de zee", waar een grieksch dichter van spreekt. Nu +moet er worden opgepast. De golven zijn vraatzuchtig, zelfs in tijden +van mooi weêr. Er komen slechts kleine rimpelingen aan de oppervlakte, +regelmatige golfjes, die harmonieus op elkander volgen, en waar men +voor kan wegloopen, als zij wat hoog komen of haast maken en teveel +terrein winnen. + +Maar er is iets anders. Onder de kalmste zee, bij den vriendelijksten +zonneschijn, als een zachte koelte alles liefkoost en de vlinders uit +de heggen aan het strand der zee komen vliegen tot boven de eerste +golfjes, die met het zand spelen, kan zich in open zee op groote +diepten een onmetelijke golf vormen, die haar beweging vervolgt, zonder +zich door iets te verraden op de altijd kalme oppervlakte. Plotseling +rijst dan die verborgen golf omlaag, heel dicht bij het strand, +wordt hooger en hooger, tot zij reusachtig is en zwaar en op het +land neerploft met onweerstaanbare kracht, alles verpletterend en +meesleurend. Zoo werden op een dag in den herfst, October 1870, +de vrouw van een ambtenaar uit Quimper met haar dochtertjes en de +kindermeid, in 't geheel vijf personen, van een vlakken steen aan +het strand, waar zij zich volkomen veilig waanden, meegesleurd naar +de open zee. Er is een kruis in de rots gespijkerd als herinnering +aan die gebeurtenis. + +Bij Penmarch ziet men den oceaan reeds in zijn volle kracht, zonder dat +iets hem tegenhoudt. Vooruit staat Torcherots, een hol geraamte, waarin +de zee weerklinkt als in een schelp. Bij de Philopenrots laat men u +een grot zien, waar Girondijnen zich in 1793 hebben verscholen. Men +is ook inderdaad te Penmarch aan het eindje van de wereld, en men +moet wel op zijn schreden terugkeeren, als men de kust niet wil +volgen tot Audierne. Ik moet trouwens naar Quimper. Dien weg langs +de kust wil ik een andere maal in tegengestelde richting volgen, +als ik van Audierne kom. Men kan toch niet altijd tusschen groote +steenen leven en het is mij aangenaam, eens weer naar een echte, +groote stad te gaan, waar wat meer te genieten valt dan te Penmarch, +juist als men na een zeker aantal dagen, in een stad doorgebracht, +blij is naar een rustige streek te vertrekken. + +Dus vooruit naar Pont-Labbé des avonds, en van daar naar Quimper +per spoor. Ik ben er aangekomen in den avond, dus heb ik den eersten +aanblik van een mooie stad in 't volle daglicht gemist. Doch dien kreeg +ik den volgenden dag, een Zondag, en ik heb de sobere genoegens van +dien dag met voldoening genoten, mij amuseerend met militaire muziek +en met de families van de militairen: papa's, mama's en jonge meisjes, +sterk zich bewust van de contrôle waaronder zij worden gehouden! Wie +zal de kleine drama's tellen en de groote comedies, die daar worden +afgespeeld op zoo'n marktplein in een provinciestad, terwijl het +koper zich waagt aan marschen en ouvertures van opera's. + +Maar laat ons over Quimper spreken, de oude hoofdstad van het +graafschap Cornwallis, aan de samenvloeiing van de Steir en de Odet +tegenover het exercitieterrein. + +Het eerste feit, dat de geschiedenis van Quimper verhaalt, is een +opstand van de plaats tegen het romeinsche juk aan het einde van +de 14de eeuw, toen zendelingen beproefd hadden de bewoners tot het +christendom te bekeeren. De zendeling werd bisschop, en dit was het +begin van de macht der geestelijkheid in dit land; het gezag der +bisschoppen werd zoo groot, dat zij in de elfde eeuw over de stad +een onbeperkt gezag uitoefenden en den naam van heeren droegen, +rechtstreeks onder den hertog geplaatst, met een staf, die zoowel +in het tijdelijke als in het eeuwige alles bestierde. De stad, die +in de 13de eeuw door Pierre de Dreux versterkt was, werd ingenomen +en in 1344 geplunderd door Karel van Blois. Montfoort sloeg er het +beleg voor in het volgend jaar; hij werd afgeslagen, maar zijn zoon +werd er ontvangen en erkend. Bij het oproer van 1489 versloegen de +gewapende boeren de Spanjaarden, die Quimper te hulp waren gekomen, +plunderden hun tenten, en daarna werden de opstandelingen op hun beurt +verslagen door de hertogelijke troepen in de velden rondom Pont-Labbé. + +Quimper is een licht en vroolijk stadje, schilderachtig door zijn oude +wijken, die met de nieuwe afwisselen. Eerst was het alleen op den +rechterover van de Odet gebouwd, smal bij de Steir en voorzien van +kaden. Maar de noodzakelijkheid maakte, dat de stad zich uitbreidde +op den linkeroever, waar men nu rechte en breede straten vindt met +fabrieken, werkplaatsen en woonhuizen, overal met brugjes, om van +den eenen oever naar den anderen te komen. + +In 1901 is in de stad een kunstmuseum voor den godsdienst opgericht; +men vindt er beeldhouwwerk, schilderijen, geschilderde kerkglazen, +borduurwerk en heilige boeken. In 't stadhuis is een rijke bibliotheek, +met ongeveer dertig duizend deelen, waaronder veel zeldzame uitgaven, +zooals een bretonsch woordenboek, een der oudste die bekend zijn, te +Tréguier gedrukt in 1499. Het museum heeft ook buiten beeldhouwwerk en +schilderijen archaeologische verzamelingen en belangrijke collecties +ethnografica, waarvan een deel geschonken is door den heer Silguy. De +heer Bougeard heeft aan de stad een schoone collectie gravures +geschonken. + +De oude gebouwen zijn er talrijk; het Sint-Katharinahospitaal +dateert van 1645; het lyceum, nog altijd in de gebouwen van het +Jezuietencollege is onder Lodewijk XIV gesticht; de kerk van Locmaria, +een voorstad van Quimper, is van de elfde eeuw, de kerk van den +H. Mattheus van de 13de, en dan is er nog de kathedraal van Quimper, +een der mooiste bouwwerken uit Bretagne. Als men er naar ziet van uit +de Groote Straat, die smal is en met vooroverhangende gevels een zeer +mooien indruk maakt, is het een imposant en rijk gebouw. Van het plein +gezien, maakt het een nog beteren indruk. Sommige gedeelten zijn uit +de eerste helft der 13de eeuw. De spitsen, die modern zijn en van 1854 +dagteekenen, passen uitstekend bij de torens uit de 14de eeuw. Het +geheel vormt een der schoonste gothische bouwwerken uit Bretagne. + +Door de oude straten wandelt men verder naar de kade langs oude +huizen met veel beeldhouwwerk, terwijl op den drempel de eene +of andere vrouw, in gedachten verzonken, den nieuweren tijd te +binnen brengt. Maar laat eens een buurvrouw of een toevallige +voorbijgangster een praatje beginnen, dan wordt de peinzende een +drukke babbelaarster. Al die menschen uit de straten van Quimper, +het personeel, dat kleine handelsbelangen heeft, huisvrouwen, die +op de Woensdagmarkt inkoopen gaan doen of op de kermissen van den +derden Zaterdag van iedere maand, jonge arbeidsters uit Locmaria, +allen zijn vlug en vroolijk. Ik heb enkele dagen gewoond in een der +kleine straten tusschen de Steir en de Odet, en daar heb ik tegen het +vallen van den avond, als ieder rust neemt en verademing zoekt na +de volbrachte dagtaak, hetzelfde gevoel gehad als te Morlaix en te +Quimperlé, bewonderend den goeden, opgewekten geest. De verdiensten +zijn gering; maar de menschen hebben weinig noodig, en hun gelukkige +aard doet de zorgen vergeten. Men behoeft den gang en het gelaat der +vrouwen maar te zien, om den opgewekten en toch zachten geest waar +te nemen van de vrouwen en meisjes, klein, een weinig dik, meestal +flink gebouwd en met heldere, open oogen. + +Van af den berg Frugy heeft men onder de mooie beuken, die er heerlijke +lanen vormen, een prachtig uitzicht op de stad, de kaden, de beide +rivieren en de omstreken. Quimper is het middelpunt van een groen +land. Uit dicht opeenstaande daken stijgt blauwachtige rook omhoog; +de groote kathedraal schijnt als een groot schip op de zee van lage +daken te drijven. Dichterbij ziet men de voorstad Locmaria. + +Daar wordt het bretonsche aardewerk gemaakt. Er is veel namaaksel, +en dikwijls ontmoet men teekeningen en versieringen, afkomstig +uit Rouaan. Maar er is ook een originaliteit, en die vind ik in de +gewoonste dingen. Men kent, omdat men ze in alle steden van Bretagne +heeft gezien en ze ook in de parijsche winkels heeft ontmoet, borden +en inktkokers, wijwaterbakjes, schotels, kandelaars en al die andere +voorwerpen, die de reizigers blij zijn aan te treffen, en die zij +meenemen als herinneringen aan de doorreisde streken. Maar er zijn +ook doodgewone borden, zooals ik er voor een kwartje gekocht heb op de +markt en die toch bekoorlijk zijn van levendige harmonische kleuren, +op de manier van veldbouquetten dooreengemengd. Ik heb ook kopjes +gezien in den vorm van klaverblaadjes met blauwe versierselen. Onder +de beeldjes ontmoette ik veel Heilige Anna's en Maria's en heiligen +in den vorm van kandelaars, geknield soms en in hermelijn gekleed, +met een bril op den neus. + +Er wordt niet enkel aardewerk te Quimper gemaakt, maar ook porselein; +dan worden er metalen bewerkt en leder; er wordt bier bereid en men +kan er ingemaakte voedingsmiddelen krijgen; er wordt koren gemalen +en op enkele kilometers afstands, te Ergué-Gaberic, is een groote +papierfabriek. De handel is vooral graanhandel; ook wordt er handel +gedreven in was en honig, linnen en touw, vee en boter. + +Buiten Quimper is de omgeving allerliefst. Deze streek alleen zou al +voldoende zijn, om de al te veel verbreide meening te niet te doen van +de eentonigheid van Bretagne's binnenland. Hier niet de gelijkheid van +de landes en ook niet de trotsche natuur van La Forêt. Laat men maar +eens de Odet volgen, niet naar de monding, maar stroomop; men zal dan +spoedig te Stangala blijven, doel van alle wandelaars uit Quimper, +die wat meer verlangen dan het zondagsche militaire concert. Dat is +een alleraardigst plaatsje met overvloed van bloemen, die op rotsen +groeien, zoo mooi, alsof men opzettelijk tuinen op het gesteente +had aangelegd. + +Verscheiden malen ben ik naar de in zee ver uitstekende punt du +Raz gegaan, toen de spoorweg nog niet tot Audierne liep, en langs +verschillende wegen, maar altijd met Douarnenez als uitgangspunt. Eerst +is er een weg over Comfort, Pont-Croix, Audierne, dat is zelfs de ware +weg, de eenige, de klassieke weg naar du Raz. Buiten dien weg zijn er +alleen voetpaden en dwarswegen; dus gaan rijtuigen en voetgangers, die +wel eens een herberg willen aandoen, er alle over. Ik voor mij volgde +een andere route, mooier naar mijn smaak, langs de kust over Tréboul, +waar ik de zee heb zien zegenen door de priesters, en over Beuzec. + +Toch is de weg over comfort en Pont-Croix niet zonder bekoring en ook +niet oninteressant. De natuur is er ernstig, zelfs somber, maar men +komt ook geen lachende landschappen zoeken bij du Raz. Trouwens de +vroolijkheid en de somberheid van een landschap zijn betrekkelijk. Zij +hangen van de stemming van den reiziger af, van toevallige +ontmoetingen, van een zonnestraal, die door den grijzen hemel breekt +en de bloemen der distels doet schitteren boven de vale kleur van +den grond. En dan, hoe schunnig en armoedig ook een gehuchtje is, +dat men passeert, 't is toch altijd een vereeniging van menschen, die +hun huizen bij elkander plaatsten, om samen 't lot het hoofd te bieden. + +Met ziet vrouwen en kinderen op de drempels der huizen, mannen, die +van het land naar huis komen; men kan eens een winkel binnengaan, een +groet met menschen wisselen en een oogje slaan op wezens, die nuttig +werk verrichten en gevoel van solidariteit bezitten. Om te Audierne +te komen, behoeft men slechts den weg te volgen, die langs de rivier +loopt. Dan plotseling maakt die een bocht, en de weg gaat stijgen; +men ziet een visschersdorp met huizen langs de kade en heel veel +booten. Bij mijn eerste reis heb ik gelogeerd in een klein hôtel aan +de kade, bestuurd door het echtpaar Batifoulier. De Batifouliers waren +geen Bretagners, maar Auvergnaten; er zijn veel Auvergnaten in Bretagne +en allen hebben de gemeenschappelijke kenmerken van het keltische ras. + +De Auvergnaat is meer handelsman en zuiniger is hij ook, zoodat het +hem meestal beter gaat in zaken. Maar Batifoulier was beroemd om +iets anders; hij had zijn bekendheid te danken aan zijn persoon, en +inderdaad was hij, dunkt mij, een eenig type. Hij was lang, maar niet +daardoor trok hij de aandacht; zelfs leek hij, oppervlakkig beschouwd, +van gewone lengte. Maar hij was buitengewoon breed; ik zou haast durven +zeggen, dat hij even breed als lang was, een bewegende toren en een, +die langzaam bewoog, een olifant of een hippopotamus, dien men gekleed +had in een broek en buis en met een klein hoedje. Alle vergelijkingen +met groote gebouwen en zware beesten kwamen iemand in den zin, als ze +dien forschen man zagen met zijn enorme ledematen. Maar het gezicht! Ik +heb nooit zoo'n groot gezicht gezien met zijn twee reuzenwangen, +een waterval van kinnen, een knevel en een puntbaard en alles vrij +regelmatig, met kleine boosaardige oogjes in die vetmassa. De kleur +was niet rose, ook niet rood, maar paars. + +Die kolossus had tot vrouw een oud, in 't zwart gekleed mensch, met +een zwart doekje om het hoofd en een mager lijfje. Zij bestuurde de +zaak en ze deed dat goed. Hij, Batifoulier, was een volmaakte waard; +zijn huis en hij waren één. Men moest hem zien op het trottoir, als hij +belde voor de maaltijden. Met hoeveel overtuiging ging dat. Nooit zag +een redenaar op de tribune, een priester bij het altaar er ernstiger +uit. Dus men kan begrijpen, hoe het was, als hij voorzat aan de +table d'hôte, want hij gebruikte zijn maaltijd met de gasten. In het +midden van de tafel gezeten, drie plaatsen vullend voor zich alleen, +diende hij den gasten de koolsoep voor en zat voor bij de maaltijden +der ambtenaren, die er geregeld tweemaal per dag kwamen. + +Hij presenteerde ook de sardines, wijzend, hoe men die moest eten, +in één hap ze verslindend, na kop en graat behendig te hebben +verwijderd. Hoeveel at hij ervan? Dat weet ik niet. Maar 't was +afgrijselijk. En het kwam mij voor, dat de booten, welker masten ik +gezien had in de haven vóór 't hôtel, alleen daar kwamen, om sardines +te lossen, bestemd den honger te stillen van den auvergnaatschen +reus. Hij sneed ook het gebraad voor en schonk den appelwijn. Goedig +van aard en zeer voorkomend, trotsch op zijn rol in 't leven, had +hij bij het waarnemen der honneurs van zijn huis iets van den grand +seigneur, van Porthos, den musketier, ontsnapt uit de grotten van +Locmaria en hotelier geworden te Audierne. + +Men had het dus goed bij Batifoulier, ondanks de sardines aan alle +maaltijden, en die men niet kon weigeren onder de allesziende oogen in +het groote, paarse gelaat. Er werden ook heerlijke dingen gebraden in +den jachttijd, en alle ambtenaren van de belasting en de griffie en +de politie waren, dat begrijpt men, niet achterlijk in 't vertellen +van hun jachtavonturen. + +Dan had men er de zee in de buurt, die heel uitlokkend was, die +ongebogen lijn van de Audierne-baai, die van kaap du Raz tot de +Torchebaai gaat en de rotsen van Penmarch. Van de pier, die moedig +in de open zee is uitgebouwd, heeft men een prachtig gezicht op de +open baai. De haven is niet van zooveel beteekenis als Douarnenez en +Concarneau. Er zijn niet meer dan honderd visschersschepen te Audierne; +maar ze zijn voldoende om levendigheid te brengen, als ze uitgaan of +thuiskomen of stil liggen in de baai. + +Ze zijn bemand met ruwe kerels, die stil en bedaard zijn bij hun werk, +maar die luidruchtig en geweldig zijn des Zondags en op vrije dagen, +als ze herberg in, herberg uit loopen. Ik herinner mij een Zondag, +toen ik was gaan wandelen naar Plouhinec aan de overzij van de rivier +Goayen. Daar ik mij wat verlaat had, ging ik niet weer den omweg over +de brug, maar wou den overtocht doen met een bootje van een man uit +Audierne. Ik kreeg gauw spijt van dat besluit en dacht honderdmaal, +dat we op dat korte eindje naar den kelder zouden gaan met het bootje +vol dronken menschen, dat tusschen andere luidruchtige bootjes door +moest varen. Voor 't vervolg ging ik liever des Zondags naar Plouhinec +terug langs den langsten weg. En ik ging nog verder dan dat tusschen +een overvloed van steenen liggend dorp, altijd langs de kust, den +weg der douane volgend. Het is een troostelooze route. Ik heb er, +geloof ik, wel een dag geloopen, zonder een menschelijk wezen te +ontmoeten buiten de weinige dorpen, en die dorpen zelf maakten ook +nog den indruk van eenzaamheid, zoo somber waren ze met alle mannen +op zee, alle vrouwen op het veld en kinders op de drempels van de +huizen. Achter een toonbank soms een vrouw, en hier en daar een paar +gezichten achter de ramen. + +Om bij een dier dorpen te komen, moest men zich van de zee verwijderen +en langs een pad gaan tusschen steenen muurtjes of over een dorre +vlakte met het weinige groen, dat de scherpte van den zeewind kan +verduren. Men zag alleen hier en daar een armoedig aardappelland, +waar men kon zien met hoeveel moeite de landman wat voedsel haalde +uit dien misdeelden grond. + +Een dier dorpen was Plozenet, dat bijna niet den naam van dorp +verdiende. De huizen staan er om een kerkje geschaard, en even +voorbij Plozenet naar den kant der zee draagt een groote gedenksteen +van wel vijf meter hoogte een opschrift, dat de schipbreuk in de +herinnering roept van 't schip de _Droits de l'homme_ in 1797. De +schipbreukelingen werden door de zee verzwolgen, en velen van hen, op +'t strand gespoeld, zijn hier begraven bij den menhir van de Rechten +van den Mensch. Het opschrift luidt: "Hier bij dezen Druïdensteen +zijn ongeveer zeshonderd schipbreukelingen begraven van het schip +_De Rechten van den Mensch_, gestrand in den storm van 14 Januari +1797. Majoor Piron, te Jersey geboren, die op wonderdadige wijze +aan de ramp ontkwam, is naar deze plek teruggekeerd op 21 Juli 1840, +en toen hij daartoe de toestemming had verkregen, heeft hij op den +steen dit getuigenis van zijn dankbaarheid laten graveeren." + +Daarna keerde ik terug naar het strand, dat kaal was als te Audierne, +met wit zand en groote rolsteenen en hier en daar een kleinen inham of +een nietig dal, waar planten groeien en zacht gras. Ik bleef een dag te +Plovan, toen te Treguennec en in de Onze-Lieve-Vrouwenkerk te Tronoën, +waar ik in de schemering aankwam. Het was echter nog licht genoeg, +om het kerkje te zien en den lijdensberg, den oudsten van Bretagne, +met twee rijen van beelden en daarboven de drie kruisen. + +Daar bespeurde ik, dat ik dichter bij Penmarch was dan bij Audierne, +waar ik zou logeeren, en ik besloot naar Pont-Labbé terug te gaan, waar +ik gemakkelijker een rijtuig zou kunnen krijgen naar Audierne. Op den +terugweg waren mijn gedachten vol van de zee, de nimmer vervelende, die +zooveel prettiger onze droomen begeleidt, dan de onbewegelijke dingen +doen, zoodat er een soort van verwantschap moet bestaan tusschen haar +en onze diepste gedachten. De reden van onze liefde voor de zee moet +zijn, dat zij het schouwspel biedt van altijddurende beweging, als +was zij de steeds onrustige ziel der golven. "De oceaan spreekt tot +de gedachten", heeft Victor Hugo gezegd, en hij helpt ons inderdaad +de raadselen en problemen van dit moeilijk leven te ontcijferen. Ik +voelde dat alles aan dit strand van Bretagne, toen ik mij verder begaf +van Audierne naar Esquibien en Saint-Tugean, waar de gothische kerk in +een reliekenkastje een ijzeren sleuteltje bezit, dat aan Saint-Tugean +heeft behoord en waarmee kleine broodjes worden doorboord, die dienen +om dolle honden op de vlucht te jagen. Met het sleuteltje bewaart +men er ook de tanden van den heilige in een kaak van verguld zilver, +die men slechts behoeft aan te raken, om van kiespijn te genezen. Ter +eere van den heilige dragen nog verscheiden mannen in die streek een +sleutel, geborduurd op den rug van hun jas en hoeden, waar een looden +sleutel aan een lint bij neerbengelt. + +Tot hier toe heb ik niet anders gezien dan wat eiken en dennen. Na +Saint-Tugean en Primelin zijn die er niet meer. Er zijn windmolens, +want het waait op de hoogten, van waar men de schuimende zee +overziet. Ook zijn er dolmens, en het dorp Plogoff, gesticht door den +heiligen Collédor, bisschop, die kluizenaar geworden was en die hier +gelukkiger zich voelde dan aan het hof van koning Arthur. Plogoff is +geen onaardig dorp. Verbeeldt u de huizen verspreid over de heuvels; +hier één huisje, daar een paar andere, drie of vier ginds en een half +dozijn rondom het kerkje. Te Lescoff heeft men voor het laatst zulk +een huizengroep vóór kaap du Raz. + +Nog twee kilometer door de landes, en men komt aan den vuurtoren. Dit +is nog niet het eindje der wereld, want men krijgt nog het eiland Sein, +en 't is zelfs niet de laatste vuurtoren, want in de wijde zee staan +nog de vuurtoren La Veille met groen licht, de Tevennecvuurtoren en +die van Armen, ook in de open zee gebouwd vóór 't eiland Sein. Maar +dit is het eind van het vasteland en 't verste punt van Bretagne +met Saint-Mathieu. + +Deze eerste maal, dat ik naar du Raz ging, heb ik allereerst dien +vuurtoren bewonderd op de hooge kaap, en ik heb mij vermaakt met een +gesprek met een der wachters. Het was een man, die al grijs werd, +en nog altijd trouw zijn wachterstaak vervulde tusschen hier en den +toren in de open zee. Hij las couranten, had boeken, drukte zijn +meening zeer verstandig uit over wat er in de wereld voorviel, en +ik was zeer verbaasd, toen ik later vernam, dat die kalme, rustige +man krankzinnig was geworden en dat hij de misdaad had begaan, zijn +vrouw te worgen, die op een dorp bij de kaap woonde. + +Ik herinner mij nog, of het gisteren was, hoe hij mij zorgvuldig +geleidde en tot gids diende bij mijn wandeling om de kaap. Dat is niet +gevaarlijk voor wie vast van voet is en niet aan duizelingen lijdt; +maar dan moet men nog met zorg de steenen uitkiezen en de trappen, +die den omgang mogelijk maken om het enorme, verweerde rotsblok vol +spleten en afgronden. De weg is niet gemakkelijk en er is maar één +weg. De straatjongens, die ons volgen, geven er echter niet om, laten +zich langs de hellingen afglijden, houden zich vast aan vooruitstekende +steenen, verdwijnen in holten en komen op eenmaal weer te voorschijn, +alsof ze een luik oplichten, en maken al die gymnastische toeren, +waar ik wel voor zou bedanken, om mij een bouquetje welriekende, gele +bloemen te brengen, geplukt op de helling van een gapenden afgrond. + +Ik kan die oefeningen niet meemaken; dat heeft mij het draven door +de straten van Parijs niet geleerd. Dus volg ik voorzichtig mijn +metgezel, die mij aanwijzingen geeft en mij soms bij de hand neemt, +als het pad te glad en te moeilijk is. Het begin der reis valt het +zwaarst langs het noordelijk deel der kaap. Dat is ook het mooiste +gedeelte, namelijk het meest grootsche en schrikwekkende. De Hel +van Plogoff is een gat, waar het gevaarlijk zou zijn in te storten; +de roode wanden van de kloof zouden nergens den val breken, en de zee +daarbeneden met haar golven en haar schuim en haar donderend geweld +doet denken aan een troep wilde beesten, opgesloten in een te enge +ruimte, wier woede naar een prooi verlangt. + +Het schouwspel van dit punt is over de zee niet zooveel dreigender dan +van Penmarch; maar hier is alles op één plek geconcentreerd, terwijl +Sein in de buurt is, en de woedende zee tusschen dat eiland en het +continent. Dat is een eenig en aangrijpend schouwspel, die woede van de +zee tusschen het vasteland en het eiland, waar de zee onbeschrijfelijk +heftig is. Het verrast, als men er toch visschersbooten en groote +schepen ziet passeeren. De mensch levert er een bewijs van zijn moed +en zijn verstand. Hij vertrouwt zich toe aan het razend snelle water, +omdat hij het in al zijn grillen en nukken heeft leeren kennen. + +_Enez Sizun_ heet het eiland Sein, de legendarische verblijfplaats +der druïdische priesteressen. Het is een rots, die al meer door de +zee wordt afgebrokkeld, met een vuurtoren erop en een kleine haven +voor reddingbooten en voor een dertigtal visschersschuiten. Daarbij +zijn de kleine huisjes van het dorp gebouwd. Hevige stormen zijn +gedenkwaardig gebleven in de geschiedenis van Sein, waar het licht, +dat wijd uitschijnt over de zee, het einde van Bretagne aangeeft. + + + +Taormina + +Door Johanna G. Lugt. + + + Io voglio il sole, io voglio il sole ardente. + + Annie Vivanti. + + + + +Wanneer men Italië herhaaldelijk heeft bereisd en zich eenigszins +gemeenzaam heeft gemaakt met zijn volk en zijn taal, met zijne zeden en +gewoonten, wanneer men daarbij zijn hollandsche pietluttigheid heeft +achtergelaten en zich heeft afgewend om met laatdunkendheid op het +eerste gezicht iedere plaats over de grens "een vuil gat" te noemen, +wanneer men in het italiaansche volk iets anders heeft leeren zien +dan een volk van bedelaars en men op prijs heeft leeren stellen zijn +vriendelijkheid, zijn beleefdheid, zijn vroolijkheid, in één woord +wanneer men is gekomen onder de bekoring van het zonnig Italië, dan +begrijpt men eerst recht den hartstocht van de in Engeland geboren +en opgevoede dichteres Annie Vivanti voor haar eigenlijk vaderland en +voor haar italiaansche zon, dan begint men iets te gevoelen van haar +"ebbrezza del sole", van haar "zonneroes". + +Als die zon opgaat achter de bergen van Calabrië en haar schitterschijf +langzaam komt kijken over den hoogen Aspromonte, dan is almee het +eerste wat zij ziet het liefelijk Taormina aan de Oostkust van Sicilië +tusschen Messina en Catania. + +Hoog boven de zee, gekleefd tegen de rotsen, ligt het daar te +wachten om zich opnieuw te verkneukelen in het zonnetje dat straks +zijn druiventrossen zal komen rijp stoven, zijn oranjebloesem zal +laten geuren, zijn lucht zal komen verwarmen, het zal maken tot een +paradijsje op aarde. + +Wilt gij een onvergetelijken indruk opdoen, kom dan eens vroeg uit +de veeren, zoo tusschen vier uur en half vijf, trek de hoogst noodige +plunje aan en spoed u naar de hoogte boven het Teatro greco. Verzuim +echter niet den vorigen dag kennis te geven van uw komst aan den +"Custode" daar gij anders het hek gesloten zult vinden van dit +"monumento nazionale". Maar hebt gij hem kennis gegeven dan zal hij +niet aarzelen vroeg voor u op te staan en te zorgen dat gij het hek +open vindt, ook zal hij u niet boos aankijken als gij hem daarvoor +een lira in de hand drukt, wie weet of gij, verrukt over hetgeen gij +gezien hebt, hem straks niet twee lire zult toestoppen. + +Zet u nu eens rustig neder op het hoogste punt, dáár waar vroeger het +volk een plaatsje vond, eerst bij de grieksche drama's, later bij de +wilde en bloeddorstige romeinsche schouwspelen, en wacht nu eens op +de dingen die komen zullen. + +Beneden u is het water van de Straat van Messina nog donker van kleur, +de kustlijn strekt zich naar beide zijden uit noordelijk tot Kaap Sant' +Alessio, zuidelijk tot Kaap Schisò en is nog weggedoezeld in de flauwe +ochtendschemering. Maar in het Oosten boven Calabrië begint de hemel +reeds een lichtgeele tint aan te nemen, allengs gaat die tint over in +oranje, van oranje wordt zij goud, het water beneden u krijgt meer +en meer die diep azuurblauwe kleur die het tot zonsondergang zal +behouden, de zon is op het punt boven de bergen te verrijzen. Haar +stralen schieten reeds in alle richtingen boven de scherp geteekende +berglijn uit, de hooge top achter u, waarop het dorp Castelmola ligt, +is reeds schitterend verlicht, langzamerhand wordt de geheele atmosfeer +om u heen een en al vuur, de zon verschijnt boven de bergen. + +En zoo is zij er dan weer, de zon van Italië, de zon van +Taormina! Reeds voelt gij haar warmte en werpt gij de sjaal af die gij +voor de ochtendkoelte had medegenomen. Zie nu eens om u heen! Aan uwe +voeten het teatro greco, met zijn reusachtige afmeting, zijn heele en +halve zuilen, zijn nissen en doorgangen, zijn scena en zijn orchestra, +hoe verplaatst het u in eens in de klassieke tijden der Grieken, +in de historische tijden der Romeinen. Recht voor u door de groote +opening van de Scena ziet gij den kolossalen kegel van de Etna, met +haar rookpluim overhellend naar het N.O. Diep onder u Giardini, het +spoorwegstation van Taormina, iets verder het dorp Calatabiano en daar +tusschen het stroompje de Alcantara, dat zich in zee stort. Westelijk +op gindsche rotspunt Castelmola, een armoedig doch schilderachtig +dorp dat als een steenen kroon geplaatst is op den top van een berg, +zoodat men al evenmin begrijpt hoe de bewoners er komen als wat zij er +uitvoeren. Onmiddelijk onder u eindelijk schittert thans in de felle +ochtendzon het huizencomplex van Taormina met zijn duomo en kerken, +zijn hôtels en ruïnes. Reeds begint het aardige plaatsje teekenen +van leven te geven, het hanengekraai wordt gevolgd door het balken +van talrijke ezels die er reeds naar verlangen de bezoekers op hunne +geduldige ruggen de bergen op te dragen naar Castelmola of Monte Venere +of naar ieder ander punt waar men van het heerlijke vergezicht wenscht +te gaan genieten. Hier en daar wordt een deur geopend, er komt leven +en bedrijf in de straten, Taormina is ontwaakt. + +Wij spoeden ons terug naar ons hôtel om ons te kleeden en, na een +echt italiaansch ontbijt met versche vijgen en druiven of wat de +tijd van het jaar oplevert, maken wij ons op om te gaan genieten +van het vele dat Taormina te genieten geeft. Wij bevinden ons hier +op klassieken bodem. Taormina heeft eene geschiedenis zooals geheel +Sicilië, het Trinacria der ouden, er eene heeft. Laten wij, alvorens +onze wandeling te beginnen, ons eerst door de "Guida di Taormina" +zéér vluchtig op de hoogte laten brengen van die geschiedenis. + +Naar alle waarschijnlijkheid was Taormina reeds ruim 700 jaar v. C. de +acropolis van Naxos, terwijl een versterking der Cartagers als de +eigenlijke grondslag van het tegenwoordige Taormina mag beschouwd +worden. (392 v. C.). + +Aan de vele oorlogen tusschen Cartagers, Messineezen, Syracusers en +de overige Sicilianen, ontsnapte Taormina niet; voortdurend was het +de dupe van den strijdlust der omwonenden, die het afwisselend in +bezit namen, met den grond gelijk maakten en weer opbouwden. + +Gedurende het beleg door Marcellus in 241 v. C., in welk beleg +Archimedes zulk een groote rol speelde, verleende Taormina doortocht +aan de Romeinen op voorwaarde bevrijd te blijven van romeinsch +garnizoen en vrijgesteld te worden van het leveren van schepen aan +Rome, waarop de Romeinen na Sicilië te hebben veroverd, Taormina +onafhankelijk verklaarden. + +Twee eeuwen later, 36 v. C. werd Taormina, dat zich vóór Pompejus en +tegen Octavianus had verklaard, de basis van Pompejus' oorlogsoperaties +en 't was juist op de zee vóór Taormina dat Octavianus in persoon +Pompejus versloeg in den later zoo beroemd geworden zeeslag. Sicilië +kreeg toen een constitutie, maar Taormina, door Octavianus gehaat, +werd tot romeinsch garnizoen gemaakt en bleef toen vele jaren in de +geschiedenis een ondergeschikte rol spelen. + +Na den ondergang van het romeinsche rijk bleef het door zijn ligging +langen tijd bevrijd van de aanvallen der Saraceenen. + +Die naam van Saraceen werd aan de Arabieren gegeven en is afgeleid +van het arabische woord sarako dat stelen beteekent. Nog heden ten +dage wordt in Taormina het woord Saraceen als een scheldnaam beschouwd. + +Na in 902 n. C. toch eindelijk in handen der Muzelmannen te zijn +gevallen, kwam het in 1078 in de macht der Noormannen, nam het in +1282 deel aan de Siciliaansche vespers en ruim anderhalve eeuw later +aan den burgeroorlog onder de regeering van Lodewijk van Aragon. + +In 1535 door Karel V verkocht wist het zich dadelijk weer vrij +te koopen. + +Onder de regeering van Karel II werd Taormina in 1675 door de +Franschen stormenderhand genomen, doch vanuit het kasteel Mola door +de Taormineezen zelf beschoten die hunne stad heroverden en van de +vreemde indringers bevrijdden. + +Tengevolge van den vrede van 1720 kwam Sicilië in het bezit van +Oostenrijk en later van de spaansche Bourbons. + +In 1806 hadden de Engelschen in Taormina een sterk garnizoen. + +Met de italiaansche omwenteling van 1848-1849 liet Taormina zich +weinig in, doch in 1860 op den 9 April ontscheepte zich Garibaldi op +het eiland Sicilië, dat toen van de overheerschers werd verlost en +voor goed bij het Koninkrijk Italië werd gevoegd. + +Geen wonder dat de vele volken die achtereenvolgens op dit plekje +grond zijn gevestigd geweest daarop hun stempel hebben gedrukt en +hunne herinneringen hebben achtergelaten. + +Het allerschoonste en interessantste op dit gebied is zeker het reeds +vermelde Teatro Greco. Maar voor wij dat van naderbij beschouwen willen +wij, zooals aan nieuwe bewoners eener plaats, al zal hun verblijf +ook niet van langen duur zijn, betaamt, ons eerst gemeenzaam maken +met de plaats dier tijdelijke inwoning. + +Beginnen wij met ons hôtel. Het is geen gewoon hôtel, het hôtel +_Victoria_, zooals men dat in alle plaatsen met eenig verkeer +vindt. Taormina, dit moet niet uit het oog worden verloren, ligt +niet op vlakken grond, doch is tegen steile rotsen aangebouwd. Tegen +die rotsen nu was amper plaats te vinden om er een straat op aan +te leggen die, zooals de hoofdstraat de Corso Umberto, van poort +tot poort doorloopt zonder trapjes of zonder scherpe rijzingen en +dalingen. Maar er een huis laat staan een hôtel te bouwen welks basis +geheel op effen terrein kwam te staan, dit was een taak zelfs voor den +bekwaamsten architect onuitvoerbaar. Hôtel _Victoria_ heeft dan ook +niet minder dan vier uitgangen in vier verschillende boven elkander +evenwijdig liggende of dwars tegen den berg oploopende elkander +kruisende straten. De tuinen liggen op de derde verdieping, de eet- +en leeszalen op de vierde, vele kamers op de vijfde verdieping, alles +tusschen, naast, onder en over elkaar gebouwd, zóó dat het onmogelijk +zou zijn er een behoorlijken plattegrond van te teekenen. Wil men +het hôtel verlaten dan kiest men dien uitgang die u brengt in de +straat die u het spoedigst naar uw doel voert. Logeert men op de +vijfde verdieping, de meest begeerde wegens het heerlijke uitzicht, +men laat zijn rijtuig of ezel op de vijfde verdieping voorkomen als +men een bergtocht wil maken. Men zal daarentegen liever de eerste +verdieping kiezen als men naar beneden wenscht te gaan. + +Wij verlaten het hôtel thans ook door dien uitgang voor deze +eerste wandeling in het stadje. Wij bevinden ons dan dadelijk +in de hoofdstraat de Corso Umberto, breedte p.m. 5 meter zoodat, +als de voorbijgangers zich tijdelijk in de open deuren bergen, twee +rijtuigen elkander zonder ongelukken kunnen voorbijrijden. Het is een +typisch italiaansche straat, onmogelijk dikwijls te zeggen waar het +eene huis begint waar het andere eindigt, evenmin is het altijd uit +te maken of een huis één dan wel tien eeuwen oud is; alles is grijs, +grauw, groezelig, aan den beganen grond geene vensters, alleen groote +deuren, wijd openstaande, toegang gevende tot de zoogenaamde _bassi_, +ruime gewelven, waarin de winkels, café's, scheersalons en tutti quanti +worden gehouden. Achter in de _bassi_ bevindt zich een trap van steen +of marmer toegang gevende tot de kamers in de bovenverdieping. Dikwijls +ook zijn die _bassi_ tevens de woning van het gezin en ziet men bij +dag de bedden opgerold in een hoek liggen. + +Menig huis getuigt van vroegere weelde door een fraai gothisch of +romaansch poortje of raamomlijsting, door enkele brokstukken marmer +heerlijk ingelegd hetzij met zwarte lava, hetzij met veelkleurige +marmersoorten, een bewijs dat de thans veelal verarmde of verwaarloosde +huizen vroeger een deel uitmaakten van rijke en fraai gebouwde +_palazzi_. En dat is een van de dingen die niet alleen op Sicilië +maar in geheel Italië het meest treffen en iedereen dadelijk in het +oog springen, dat men overal tot in de kleinste plaatsjes monumenten +vindt van vroegere grootheid, rijkdom en weelde, monumenten die Italië +maken tot een reusachtig museum, waar overal iets valt te genieten +en te bestudeeren, waar ieder stadje, ieder dorp waard is bezocht te +worden en de reiziger gedurende eenige uren zich aangenaam of leerzaam +zal kunnen bezig houden. + +Het kost werkelijk eenige zelfbeheersching Taormina's hoofdstraat ten +einde te loopen zonder links of rechts een trap af te dalen of op te +klimmen. Bij ieder zijstraatje toch wordt men aangetrokken hetzij door +een pitoresk groepje, hetzij door een geestige fontein of door een +fraaie ruïne. Wij bieden echter weerstand aan de verleiding en gaan, +al kijkende en bestudeerende, door tot de Piazza Nove Aprile, vroeger +Piazza Sant' Agostino. En wij willen hier in het voorbijgaan even +opmerken dat het gemeentebestuur van Taormina al even dom is als dat +van een zekere hoofdstad van een zeker land, met zijn neiging om oude +historische namen te veranderen in dien van onbeduidende vorsten en +weinig zeggende data, op die wijze een interessant geschiedenisboek, +waarin de historie van de plaats voor alle eeuwen is vastgelegd, +veranderende in een vulgaire Almanach de Gotha. Laat men in een zich +uitbreidende stad in dezelfde lijn voortwerken en in de namen der +nieuwe straten voor het nageslacht de herinnering bewaren aan de +gebeurtenissen der nieuwe tijden, desnoods aan de toen regeerende +vorsten en aan de bekende mannen, mits zij werkelijk die herinnering +verdiend hebben, er is niets tegen, maar de oude namen moeten in +iedere plaats heilig gehouden worden. + +Wij willen dus Taormina's gemeentebestuur niet op dien weg volgen en +houden ons halstarrig aan den ouden naam Piazza Sant' Agostino. Het is +een genot daar een oogenblik te verwijlen want schilderachtiger plekje +is nauw denkbaar. Aan de eene zijde de oude klokketoren, de aardige +renaissance gevel van de San Giuseppe en het gothische kerkje Sant' +Agostino; ten oosten een heerlijk terras met ijzeren hek, vanwaar men +opziet naar de Etna en onder zich heeft een 200 M. diepen afgrond, +welks bijna loodrechte rotsen alleen nog toegankelijk zijn voor eenige +geiten en welks voet bespoeld wordt door de blauwe golfjes van de +zee. Op dit punt is het stadje om zoo te zeggen in tweeën verdeeld +door een ouden vervallen muur in moorschen stijl, over bergen en door +ravijnen afdalende van de ruïnes van het kasteel van Taormina dat de +rots ten westen der stad bekroont. + +Door de poort onder den klokketoren voortschrijdende vervolgen wij +onzen weg tot de Piazza del Duomo, een kerk van gemengd gothische en +renaissance bouw met een fraaien ingang in Siciliaansch gothischen +stijl aan de noordzijde. + +Vóór den Duomo bevindt zich een allergeestigste fontein, de fontein +der Vier Beesten, zoo genaamd naar vier gedrochtelijke dieren uit +welker bekken het water vloeit in den steenen bak, waarin de vrouwen +uit de buurt, naar italiaansche zeden, hare kleeren komen spoelen. + +Ook deze Piazza is weder afgesloten door eene poort, de Toca-poort, +die nog niet het einde der plaats vormt, daar eenige weinige schreden +verder de hoogst schilderachtige Catania-poort de werkelijke uitgang +is aan de zuidzijde der stad. + +Wij keeren dus op onze schreden terug, zien opnieuw met welgevallen +op naar zoo menig aardig motief, naar de balcons veelal voorzien van +fraai gedreven ijzeren hekken, naar het taormineesche leven dat op +al die balcons wordt afgespeeld. + +Italië toch is evenals Spanje het land der balcons, geen raam zonder +balcon, geen balcon zonder menschen die daarop hunne huiselijke +bezigheden verrichten, hun wasch behandelen, een buurpraatje houden, +hunne op straat spelende kinderen nagaan en zoo noodig waarschuwende +of bestraffende woorden toeroepen, hunne etenswaren of andere kleine +inkoopen met een mandje aan een touw van de venters op straat ophalen, +de liefdesverklaringen en serenades hunner aanbidders, want ook die +spaansche gewoonte is hier inheemsch, aanhooren. + +Wij gaan ons hôtel weder voorbij om het noordelijk einde van den Corso +Umberto te bekijken. Dit brengt ons al spoedig op de Piazza Vittorio +Emanuele waar wij getroffen worden door de middeleeuwsche lijnen van +het Palazzo Corvaia. Nog draagt het in ieder opzicht het stempel zijner +vroegere grootheid, maar het is een vervallen grootheid. De rez de +chaussée is doorgebroken en vervormd tot verscheidene _bassi_, winkels +van het eenvoudigste type waar koopwaren van de allergoedkoopste soort +zijn uitgestald. Treedt men het paleis binnen dan vindt men nog een +aardig binnenhof, waar een fraaie marmeren trap op slanken boog naar +boven voert. Langs een gedeelte van de steenen trapleuning ziet men nog +een soort lambrizeering met een zeer goed gebeeldhouwd relief, waarop +drie bijbelsche voorstellingen: de schepping van Eva, de Zondenval, +Adam en Eva aan den arbeid. Het dak van het palazzo wordt gekroond +door de zoogenaamde "merluzzi" een arabisch bouwmotief, een soort +kanteelen, dat men hier overal terugvindt, en ook bij nieuwe huizen +en hôtels een geliefde gevel-bekroning is geworden. De achterzijde van +het paleis is gebouwd op de ruïnes van een tempel aan Minerva gewijd, +en het geheel maakt nog den indruk een sterk gebouw te zijn geweest, +waarin de normandische heeren die het eenmaal hebben bewoond, zich +weken en maanden hebben kunnen verdedigen tegen de aanvallen van +Saracenen of andere naburige volken, en dat meer had van een vesting +dan van een comfortabel paleis. + +Naast het Palazzo Corvaia de kerk Santa Catarina en een klein, eerst +onlangs opgegraven romeinsch theater, waarin de twee vomatorien, +toegangen tot de hoogere rangen, nog duidelijk te zien zijn. Aan de +andere zijde van het pleintje het Teatro Margherita en een kleine +kazerne voor "Carabinieri". De Porta di Messina sluit hier het stadje +af. Rechts van deze poort brengt de Via del Teatro Greco ons naar de +belangrijke overblijfselen van het grieksche theater, dat een nadere en +aandachtige beschouwing overwaard is. Wij willen dus aan de hand van +den Custode of bewaarder, die daarvan een lezenswaardige beschrijving +in drie talen heeft uitgegeven, dit oude grieksche theater eens wat +van naderbij bezien. + +Het is niet met zekerheid te zeggen in welken tijd de bouw van het +theater gesteld moet worden; men gelooft echter te kunnen aannemen +dat het omstreeks 358 v. C. ten tijde van Andromachus van Taormina +werd opgericht. De halve cirkelvorm doet ons geen oogenblik aan zijn +griekschen oorsprong twijfelen, waar tegenover staat dat alle ruïnes +geheel het karakter van de romeinsche bouworde hebben. Hieruit blijkt +dat toen de Romeinen zich in Taormina vestigden, zij het theater +veranderden en vergroot hebben, zoodat wel de grieksche grondvorm +overbleef, maar de onderdeelen veranderd werden in romeinschen +trant. Voor deze verbouwing vond men een treffend bewijs in een klein +grieksch tempeltje, in de bovengalerijen opgegraven, dat den Grieken +gediend had tot offerplaats en voor wasschingen. + +De Romeinen braken dit tempeltje bij de verbouwing van het theater +gedeeltelijk af, om op zijn sterke muren de fondamenten van de +bovengalerij te doen rusten. + +Maar niet alleen vindt de geometrische grondvorm zijn oorsprong +bij de Grieken, ook de fondamenten en muren van het Proscenium "het +voortooneel" wijzen op helleensche afkomst. Na de laatste opgravingen +heeft men pas kunnen bewijzen, dat slechts de bovendeelen van het +theater aan de Romeinen kunnen worden toegeschreven. + +Een breede trap, Scala regia genaamd, was de algemeene toegang tot +het theater. Later werd hierin door Keizer Augustus een verandering +gebracht. Hij liet voor de vrouwen een afzonderlijke trap bouwen +aan het tegenovergestelde uiterste van de buitenste zuilengang, +welke trap echter nooit geheel voltooid werd. + +De Scala regia bestond uit met steenen geplaveide bordessen, welke +telkens onderling door drie treden verbonden waren. Boven gekomen +gaf een deur toegang tot een kleine overdekte gang die uitkwam op de +eerste praecinctio of half-cirkelvormige rij zitplaatsen, die rijk +gedrapeerd en, van curulische en beweegbare stoelen voorzien, bestemd +waren voor de senatoren, de magistraten en de vestaalsche maagden. + +Naast het tweede bordes begint een andere kleinere trap, die +toegang verschafte aan adel en patriciers, voor wie de tweede +praecinctio bestemd was, en op welks zetels somtijds de eigennamen +der rechthebbenden waren aangegeven. Van deze zetels liggen in de +arena nog brokstukken die de namen der eigenaars dragen. + +Langs deze zelfde trap moesten de artisten en de burgers nog hooger +stijgen, en gaande door de bovenste galerijen, daalden zij dan door +vomitori, d.i. openingen, aangebracht in den grooten muur die de +cavea omringt, naar de derde of laatste praecinctio. + +Deze drie rijen zitplaatsen vormden te zamen de Cavea, die door een +groote overdekte galerij, welke uit twee zuilengangen bestond, omringd +was. De binnenste werd gedragen door vijf-en-veertig zuilen, terwijl de +buitenste door pilasters werd gesteund. Te zamen boden zij het publiek +een toevlucht bij regen. In gewone omstandigheden werd de buitenste +gebruikt om zich te vertreden of wel als marktplaats, en diende de +binnenste tot doorgang naar de derde praecinctio. Op de overdekking +dezer twee zuilengangen bevond zich een groot terras dat voor het +volk bestemd was. Het bestaan van dit terras lijdt geen twijfel, +waar nog heden ten dage restanten worden gevonden van een trap die +buitenom er heen voert. Deze zuilengangen waren gebouwd op een zwaren +muur die de geheele cavea omringde en door welken op tien plaatsen op +gelijken afstand uitgangen waren aangebracht. Deze muur was versierd +met zes-en-dertig nissen waarin vazen of beelden waren geplaatst. + +Beneden bevond zich het podium, dat de arena omsloot. Onder dit podium +kwam een overdekte gang door drie deuren in de arena uit, door welke +gang naar alle waarschijnlijkheid de wilde dieren in de arena werden +gelaten, om hunne bloedige gevechten tegen de gladiatoren te leveren. + +De eigenlijke arena is de ruimte tusschen het podium en het tooneel +of scena. Het proscenium, dat bij de Romeinen verplaatsbaar was, +besloeg van de altaren op het tooneel af nog bijna een derde van de +arena. Op dit proscenium of voortooneel voerden de Romeinen hunne +tooneelspelen, hunne drama's en dansen op. + +Het grieksche orchest bevond zich tegenover het tooneel, doch de +Romeinen verplaatsten het op den muur van het podium, dus eigenlijk +ter zijde van het tooneel, daar waar het podium in een elliptische +vorm eindigde en waar ook de timele of plaats voor het koor was. + +Onder het proscenium bevond zich een onderaardsch kanaal dat achter het +tooneel eindigde. De constructie van dit kanaal laat ten duidelijkste +zien dat het voor den afvoer van regenwater bestemd was of om een +groote hoeveelheid water te bevatten dat voor het theater gebruikt +werd. Er zijn echter geleerden die meenen dat dit kanaal voor de +acoustiek diende, misschien ook--wat ons echter zeer twijfelachtig +voorkomt--tot bergplaats van diegenen uit het publiek, die tijdens +de voorstellingen stoornis veroorzaakten. Twee andere onderaardsche +gewelven, die aan den muur van het theater parallel loopen, staan +met eerstgenoemd gewelf in verbinding en dienden voor hen die belast +waren met de tooneel veranderingen. Men ziet er nog duidelijk zeven +vierkante gaten in, op gelijken afstand, die rechtstandig oploopen +tot de grondvlakte van de arena en waarin de balken geplaatst werden, +dienende tot steun van het groote plankier van het proscenium. + +Het tooneel bestond dus uit het proscenium of voortooneel en het +eigenlijke tooneel. Op dit laatste bevonden zich twee altaren, +gewijd aan de goden, waarboven de eerste zuilenrij die het tooneel +versierde. Elk der twee altaren telde drie nissen; voor de middelste, +grooter dan de anderen en ook afwijkend van vorm, hing een gordijn, +waarachter de beelden van Apollo en Bacchus. Deze twee altaren waren +door drie deuren gescheiden; door de middelste, thans door den bliksem +verwoest, kwam de hoofdpersoon op, door de beide anderen kwamen de +andere personen ten tooneele. + +Onder deze deuren, welker drempels op gelijke hoogte lagen met den +vloer van het tooneel, bevonden zich nog drie kleine deurtjes aan +de voorzijde van het tooneel, die in gemeenschap stonden met een +onderaardsche gang, die den medewerkers in het treurspel tot doorgang +dienden en hen op het achtertooneel of postscenium brachten. Deze +gang werd bij de opgravingen in 1853 en 1854 ontdekt. Een hooge breede +gang, ook onder het tooneel gelegen, gaf toegang aan de vrouwen die, +langs een trap links van het tooneel, hunne plaatsen op de bovenste +galerijen wilden bereiken. + +Aan beide zijden van het tooneel bevonden zich nog twee kamers, die +zonder twijfel dienden tot bergplaatsen voor alles wat op het tooneel +betrekking had, of misschien ook als kleedkamers voor de artisten. + +De voorzijde van het tooneel was met kostbaar veelkleurig marmer +bekleed; de zuilenrijen in corintischen en jonischen stijl, waren +van cippolijnsch graniet en afrikaansch marmer, de voetstukken der +altaren van wit marmer. + +Na deze beschrijving van de voornaamste deelen van het theater, nog +een enkel woord over de verschillende doeleinden waartoe het gebezigd +werd. Behalve de tragedie beoefende men er de satire, het tooneelspel, +de pantomime en den dans. In de arena vonden de bloedige gevechten +der gladiatoren plaats. Maar men behandelde er ook de publieke zaken, +men ontving er de vreemde afgezanten, men besliste er over de zaken +der republiek, dikwijls werd er recht gesproken, men beraadslaagde +er over te verleenen eerbewijzen en op te leggen straffen en hield +er redevoeringen tot het volk. Hier redetwistten de wijsgeeren, hier +werden de veroordeelden ter dood gebracht, hier traden de dichters +en schrijvers voor het volk op. + +Wanneer men bedenkt dat de stad Taormina een theater kon oprichten +van die grootte en pracht, zal men zich gemakkelijk een denkbeeld +kunnen maken van den rijkdom en intelectueele ontwikkeling die daar +in de oudheid heerschten. + +Slechts eenige van de grieksche republieken uit die tijden zijn, +dank zij haar macht en haar hooge ontwikkeling, in staat geweest +een dergelijk theater te stichten. Het waren steden als Syracuste, +Catania, Segesta, Gela, Agira en enkele anderen. + +Wie, door denzelfden gids geleid als wij, het theater bezoekt, zal +kalm het schitterend natuurtafereel kunnen genieten dat zich voor +zijne oogen ontplooit, en zal in hem een uitstekend geleider vinden, +die niet zal nalaten weer met dezelfde verontwaardiging te vertellen +dat, nog geen halve eeuw geleden, de inwoners van Taormina de steenen +uit het Teatro Greco haalden om er hunne woningen mee te bouwen, +hij zal ook stellig wijzen op het verschil in den baksteen van voor +2000 jaar en den nieuwen tot restauratie gebruikten, die nu reeds +verweerd is en afgebrokkeld. + +Het heeft ons dikwijls in Italië getroffen dat de gidsen met +onvermoeiden ijver u alles trachten uit te leggen en begrijpelijk +te maken, ja zelfs oogenschijnlijk nog in vuur en verrukking raken +als stonden zij, evenals wij, voor het eerst vóór hun "monumento +nazionale". + +En dit trof ons niet alleen op de minder bezochte plaatsen van Sicilië, +maar evenzeer te Pompeï, te Rome en elders. + +Met moeite scheiden wij van deze heerlijke en aangename plaats, maar er +is nog zóóveel te zien dat wij ons hier niet langer mogen ophouden. Wel +zijn het op nieuw gevallen grootheden die onze aandacht vragen, maar +zij zijn zóó belangwekkend, zóó typisch, dat men nauwelijks den wensch +in zich voelt opkomen ze anders te zien dan in den toestand waarin +ze thans verkeeren. Zie de Badia Vecchia of oude abdij en het Palazzo +del Duca di S. Stefano, die beide niet veel meer dan ruïnes zijn. + +De Badia Vecchia vertoont nog hare fijne gothische spitsboog vensters, +de reeds meergenoemde "merluzzi", haar inlegwerk van zwart-bruine +lava, dat men nog fraaier kan zien aan de dakomlijsting van het +Palazzo S. Stefano uit de 15e eeuw. + +Uit veel later tijd zijn kerk en klooster San Domenico uit de 17e eeuw, +en eigenlijk de eenige meer moderne gebouwen van het plaatsje. + +Het klooster is thans tot hôtel ingericht en maakt geen uitzondering +op den regel, integendeel bevestigt weder het feit dat de monniken +er bijzonder slag van hadden voor hunne kloosters de meest idylische +plekjes uit te zoeken, waar zij, afgezonderd van de menschen, de +natuur in al haar heerlijkheid konden genieten. Wie èn ligging èn +hôtel heeft gezien, doet beter er in onze wintermaanden niet aan te +denken, tenzij hij, ongevoelig voor Annie Vivanti's blauwen hemel +en zonneroes, de voorkeur geeft aan de trieste en zonlooze dagen van +ons vochtig vaderland. + +Laat ons thans niet in den steek om, als echte haastige sight-seeërs, +Taormina na een of twee dagen weer te verlaten. Ga nog eens mee naar +Giardini en bekijk onderweg de oude saraceensche graven die als een +hooge muur met nissen aan eene zijde onzen weg begrenzen. Ook zult +gij op die wandeling wel gelegenheid hebben de siciliaansche karren +eens te bezien, die trouwens door hun eigenaardige vorm en kleur +wel niet aan uwe opmerkzaamheid zullen ontsnappen. Wij zouden ze het +best kunnen vergelijken bij een van boven van voren en van achteren +open vierkante bak op twee hooge wielen; zij zijn zonder banken, +de koetsier zit op den bodem van zijne kar en laat zijne beenen vrij +naar beneden bungelen. De wielen en de beide randen der zijkanten zijn +hel geel geschilderd, terwijl de paneelen van beide zijden prijken +met bonte voorstellingen, meer of minder goed van teekening, dan eens +van schitterende steekspelen, een andermaal van bloedige veldslagen +of bijbelsche tafereelen, zoodat men ze rijdende prenteboeken zou +kunnen noemen. Ook aan den ezel of het paard zijn de kleuren niet +vergeten. Het roode hoofdstel is fijn benaaid met zilveren lovertjes en +kleurige kralen, op den kop en midden op den rug verheft zich een pluim +in sprekende tinten, terwijl belletjes veelal voor de muziek zorgen. + +Zoo nadert men Giardini dalend langs den breeden zig-zagweg, wandelend +langs vijgen of amandelboomen, nu en dan verrast door de heerlijke +geuren van bloeiende citroen- of sinaasappelboomen. En bij iedere +bocht van den weg verandert ons uitzicht; wij zien de Etna met +haar rookenden top, de zwarte lavamassa's die tot op uren afstand +voortgevloeid, donkere rivieren lijken die zich in zee ontlasten, +of in het noorden de Straat van Messina, Calabrië, de uitgetande +kust van Sicilië, waarlangs de spoor als kinderspeelgoed voortglijd, +verdwijnend, verschijnend, tunnel in, tunnel uit. + +Zoo genietende en bewonderende komen wij aan het strand en bieden +geen weerstand aan de verzoeking een klein tochtje op zee te +maken. Roeibootjes genoeg en geen gebrek aan overvragende roeiers +die u gaarne naar de Grotta Amato of Grotta del Giorno zullen +brengen. Roep hun uit de verte reeds toe dat gij geen Engelschman +of Amerikaan zijt, wij durven u verzekeren dat hij u de helft zal +vragen, en dat niet alléén, hij zal ook verrast opzien als hij +zijn eigen taal hoort, en al hebt gij ook dikwijls moeite uit zijn +eigenaardig dialect wijs te worden, gij zult toch na vijf minuten in +een interessant gesprek gewikkeld zijn over zijn land, zijn gezin, +zijn leven, zijn lijden. Opgewektheid zult gij bij hem niet vinden; +de Siciliaan is over het algemeen somber; zang en lach der Napolitanen +zal men tevergeefs bij hen zoeken, maar zijn fond is beter en hij is +meer ontwikkeld. Trots kijkt hij uit de donkere oogen, ridderlijk is +zijne houding. + +Moet ons zijne mindere opgeruimdheid verbazen als wij zijn land +hebben gezien? Ons lachen zon en blauwe hemel toe, wij vinden de +schitterende oude gebouwen en ruïnes interessant, de lavavelden en +cactussen eveneens. Maar die onafzienbare rotsenmassa's waarop dier +noch plant kunnen leven, al die rivieren en stroompjes die des zomers +hun waterlooze steenen bedding vertoonen, de menschen en kinderen +moordende zwavelmijnen bij Caltanisetta, de alles vernielende druifluis +die op onmetelijke velden allen wijnbouw onmogelijk maakt, hoe zouden +die ons lijken als wij, in plaats van toeristen, bewoners van Sicilië +waren? Maak u geen illusie dat heel Sicilië is als Taormina, en wie +nooit dit liefelijk oord aanschouwde doch alléén Palermo bezocht, +moet ook niet zijn Conca d'Oro of goudenschelp, de heerlijk groene +vallei waarin die stad ligt, als bewijs van Sicilië's vruchtbaarheid +aanhalen. Neen, Trinacria deed ons dikwijls denken aan een vergeten, +verongelijkt kind van het moederland Italië. + +Na het zeetochtje moet gij ook nog een dag de bergen met ons in, +te voet of op een ezel, al naar verkiezing, maar raden doen wij u +in deze niet. De keuze is moeilijk, wilt gij zelf zoeken waar op de +steile bergpaden met vallende steenen uw voet te zetten, of wilt gij +het overlaten aan uwen ezel, die, daar kunt ge op aan, nooit vallen +zal maar altijd de beste plekjes zal weten te vinden. Maar dan moet +gij het stootende gevoel er voor over hebben dat, vooral berg af, +aller onaangenaamst is. + +Tusschen twee muurtjes van los op elkaar gestapelde steenen, +waarachter de wijnvelden liggen, bestijgen wij de trapsgewijze +ruw aangelegde wegen. Links en rechts hooge cactussen zwaar van de +rijpe cactusvijgen, een geliefkoosd volksvoedsel der Sicilianen, +die ondoordringbare hagen vormen tusschen de verschillende bezittingen. + +Wij wagen ons aan geen beschrijving van de cactus, overtuigd geen +betere te zullen kunnen geven dan die van Selma Lagerlöf in haar +"Wonderen van den Anti-Christ" waarin zij haar beschrijft als iets dat +"strompelde en stortte, dat viel en kroop, dat liep op de knieën, +op 't hoofd en de ellebogen. Het was binnen en buiten 't dal, het +had slechts stekels en knobbels, had een mantel van spinnewebben en +poeier op zijn pruik en leden zooveel als een worm. Wist Gaetano +dat de cactus op de lava groeide en den grond bewerkte gelijk een +boer? Wist hij dat alleen de fichidenda de lava kon beteugelen? De +cactus was de beste toovenaar die op de Etna woonde." + +Ja, wat volgens de legende bedoeld was als een vloek voor Sicilië, +is het ten zegen geworden. Volgens de overlevering toch meenden +de Saraceenen geen beter middel te kunnen bedenken tot uitroeiing +van de bewoners van Sicilië dan het invoeren en aanplanten van de +cactus. Hare vruchten toch kunnen, wanneer men er niet aan gewend is, +bij onmatig gebruik den dood veroorzaken. Doch de Sicilianen vielen +niet in de hun gespannen strik; zij begonnen met de cactusvijgen met +mate te gebruiken en eerst toen zij er behoorlijk aan gewend waren, +werden zij langzamerhand een volksvoedsel. De prijs is vier stuks +voor twee centimes, wel een bewijs hoe overvloedig zij zijn, en het +is dan ook niet ongewoon er 60 à 80 op één dag van te verorberen. De +flauwe smaak bracht ons niet in verzoeking er ons aan te buiten te +gaan. Als een aardige bizonderheid zij hier nog vermeld dat wij ze +later eens te Hamburg in een delicatessen-winkel zagen liggen, doch +daar kostten zij 72 cents per stuk, dus 288 maal zoo duur!--De naam +"fighi d'India" vindt dus zijn oorsprong in den invoer van de cactus +uit het land der Saraceenen, dat de Sicilianen India noemden.--En +Selma Lagerlöf noemt haar met recht den toovenaar van de Etna omdat, +wanneer de velden op dien berg door lava onbruikbaar zijn geworden +voor wijn- of landbouw, zij beplant worden met cactus, die den grond +breekt en allengs weder geschikt maakt voor andere doeleinden. + +Na een uur stijgens bereiken wij Mola, een klein dorp op den top van +een kale rots. Reeds op den weg buiten om den steilen steenklomp, door +de oude vervallen poortjes, genoten wij het verrukkelijk vergezicht, +dat nog ruimer werd op het zonnig dorpspleintje. Maar hoezeer ons +het panorama bekoorde, wij zouden het niet wenschen ten koste van +Mola als woonplaats. Ongeplaveide niet meer dan 1 1/2 meter breede +straten, die nauwelijks den weidschen naam straat verdienen, liggen +tusschen de armelijke en schamele huisjes; logge zwarte varkens +loopen overal onbeheerd rond of liggen zich midden in de straat +in het zonnetje te koesteren. Treurig is het gezicht op de kale, +bruin gekleurde wijnvelden, waar de gevreesde druifluis alles heeft +verwoest en de bewoners heeft verarmd. Een oude man, die ons van de +tallooze kinderen wilde verlossen die zich tot gids hadden opgeworpen, +vertelde ons van zijn vreeselijken achteruitgang, hoe hij vroeger +jaarlijks 100 H.L. wijn verkocht voor 20 lire per H.L. en nu niets +meer. De alles vernielende philoxera had niets gespaard. + +Vijf, zes kinderen huppelden aan alle kanten om ons heen, aangevoerd +als hoofdwegwijzers door Saviotto Francesco di Francesco en zijn +nichtje Angela, een donker gebrand bruinoogig kind van een jaar of +tien. Saviotto beklaagde zich over zijn weinige kennis van vreemde +talen en vertelde ons vol trots van een neefje dat gids kon zijn in +'t fransch, duitsch en engelsch. Op een der vele varkens wijzend zeide +hij: ik weet alleen pig, schwein, cochon en wat de signore op zijn +neus heeft zijn spectacles. Half smeekend vroeg hij ons of wij hem +niet een fransche grammatica wilden sturen, want genoemde neef had +boeken en die had hij niet. Angela vroeg ons voor iederen persoon +dien wij tegenkwamen om een soldo, en het scheen wel of iedereen +familie van haar was. + +"Da un piccolo soldo a mia sorella" (geef een stuivertje aan mijn +zusje). Twee minuten later: "Da un piccolo soldo a quest' uomo, è +mio nonno, non vede dagli occhi" (geef een stuivertje aan dien man, +hij is mijn grootvader, hij ziet niet uit zijn oogen). Haar eigen +woning voorbijgaande "Ecco la mamma e il piccolo fratello, da loro +un piccolo soldo", en zoo ging het maar door. Op ons uitgangspunt +teruggekeerd waar drijver en ezel wachtten, stond een groot gedeelte +van de kinderbevolking om ons heen en de tevredenheid was algemeen +toen een regen van piccoli soldi op de vuile handjes nederdaalde. Nog +lang daarna hoorden wij hun gejuich en hun geroep van "buon giorno, +buon giorno, buon viaggio, a rivederci!" + +Saviotto's laatste woorden waren: "mandatemi un libro francese, +si sa il nome, per indirizzo basta Mola presso Taormina". (Zend mij +een fransch boek, gij weet mijn naam, als adres is voldoende Mola +bij Taormina). Aan zijn wensch hebben wij voldaan en hem later uit +Holland een fransch-italiaansche grammatica toegezonden, maar of zij +in zijn bezit is gekomen en of hij ijverig studeert, dat hebben wij +tot onze spijt nooit gehoord. + +Van Mola gaat de tocht opwaarts naar den top van de Monte Venere, waar +alweder een veelomvattend, overschoon uitzicht onze moeite ruimschoots +beloont. Daar ziet men niet alleen de blauwe zee, de bergen van +Calabrië, de dorpen en stadjes langs de kust, het grootsche massief +van de Etna, maar ook het golvend binnenland met zijn eindelooze +bergreeksen in het blauwend verschiet. Langen tijd verdiepen wij ons +in de aanschouwing van dit grootsche tooneel, tot onze steeds langer +wordende schaduwen en het blijkbare ongeduld van onzen ezeldrijver +ons waarschuwen dat het tijd wordt naar Taormina af te dalen. + +Terug dus naar Hôtel Victoria en een plaatsje gezocht op een der +vele terrassen om daar plannen te maken voor verdere tochten. Wij +ondervinden hier in Taormina weer hoe moeilijk het is aan zijne +oorspronkelijke plannen getrouw te blijven, en geen gehoor te geven +aan verleidelijke voorstellingen van medereizigers die ons nieuwe +heerlijkheden voorspiegelen van andere oorden doch die buiten ons +bestek liggen, al worden die dan ook afgeschilderd als nog mooier +en interessanter dan wij tot dusver zagen. Zoo staan wij nu voor de +moeilijke keus of wij het binnenland zullen ingaan, de kust zullen +volgen of om de Etna trekken. + +Na rijp beraad kiezen wij dezen laatsten weg en besluiten met de +Circum-Etneaspoor om en over de Etna een bezoek te brengen aan Catania +en langs de kust terug te keeren naar Taormina. + +Andermaal dalen wij langs den heerlijken zig-zag weg af naar Giardini +en sporen van daar naar Giarre. Hier geen dorre omgeving zooals bij +Mola, geen braakliggende landen; vruchtbare wijnvelden liggen aan +beide zijden van de spoorbaan, het oog verlustigt zich in het warme +donkergroen der uitgestrekte citroen-aanplantingen en in het diepe +blauw van de zee. + +Wij stappen te Giarre over in de Circum-Etneaspoor, het kleine +armelijke rammelende treintje, dat in 5 1/2 tot 7 1/2 uur +Catania bereikt. De wagens van dit spoortje hebben de bizondere +eigenaardigheid dat een eens gesloten raampje niet meer geopend en +een geopend niet gesloten kan worden; de deuren gaan aan hetzelfde +euvel mank. De stations, veelal uit lava opgetrokken, verkeeren in +den meest armoedigen en primitieven toestand en wij kunnen een gevoel +van deernis niet onderdrukken met de ongelukkige aandeelhouders +in deze onderneming. Eene aangename gewaarwording daarentegen +maakt zich onwillekeurig meester van hem die zonder ongevallen ter +bestemmingsplaats is uitgestegen, na over de slecht-liggende rails +op de woeste lavavelden te zijn gehobbeld. Intusschen de weg dien +men aflegt doet alle ongeriefelijkheden zoo niet vergeten, dan toch +getroost dragen. + +Reeds dadelijk na het verlaten van Giarre begint de baan aanmerkelijk +te stijgen en al spoedig bevinden wij ons tusschen de lava. Een +bruinzwarte dikke vloeistof in haar loop plotseling tot steen gestold, +een donkere hardgeworden zee met hare golven en kolken, alom de +meest phantastische krullen en vormen vertoonend, omringt ons aan +alle zijden. Van afstand tot afstand is de steenharde lava geschikt +gemaakt voor den wijnbouw en in vruchtbare velden herschapen. Zooals +reeds vroeger werd opgemerkt komt bij deze bewerking een eereplaats toe +aan den "toovenaar van de Etna", aan de Cactus die, hoe raadselachtig +het moge schijnen, die harde massa weet te doorbreken en weder aarde +weet te vormen in dezen, voor menschen onbewerkbaren grond. Als zij +haar eerste werk verricht heeft, plant men de brem die de lava nog +meer doorbreekt en scheurt, ten slotte de vijg die alles uit elkaar +rukt en den grond weder geschikt maakt voor den wijnbouw. Een boeiend +schouwspel vormen de plotselinge overgangen van de meest desolate +wildernissen tot de groene en vruchtbare landouwen en omgekeerd weder +van deze in een streek van verschrikking en verwoesting. + +Voortdurend stijgt de spoor, links ziet men op tegen den berg, +rechts wordt het uitzicht op het golvend binnenland al fraaier en +fraaier. Wij gaan dwars door den inktzwarten lavastroom van 1879, +gevloeid uit den meest noordelijken krater van de Etna, stijgen +hooger en hooger en bereiken na 2 1/2 uur sporens op een hoogte van +750 M. het stadje Randazzo. + +Al spoedig blijkt ons dat wij hier worden verwacht. Een station +vroeger stijgt een jongmensch in den trein en vraagt ons of wij de +Hollanders zijn die naar Randazzo reizen. Niet weinig verbaasd kijken +wij elkander aan, doch al spoedig komen wij tot de ontdekking dat een +Belg en zijne vrouw, met wie wij te Taormina kennis maakten, ons bezoek +hebben aangekondigd in den Albergo Italia. De hôtelhouder, bevreesd +dat de zeldzame gasten zijn eenigen concurrent zouden bevoordeelen, +zond ons zijnen boodschapper tegemoet, om zeker te zijn dat wij hem +niet zouden ontsnappen. De jonge man, waarschijnlijk bevreesd dat de +jongen van het andere hôtel de lucht van zijn plan zou krijgen, had +zich van twee petten voorzien, en eerst toen hij zich van ons bezit +had verzekerd, werd zijn gewone pet voor zijn hôtel-pet verwisseld +en trad hij als officieel persoon voor ons op. + +De Belgen, die Sicilië reeds vroeger hadden bereisd en dus het +klappen van de zweep kenden, hadden hunne komst te Randazzo vooraf +aangekondigd en den hôtelhouder ook op ons bezoek voorbereid, daar wij +dan allicht de kamers iets schooner zouden vinden dan dit gewoonlijk +voor onverwachte gasten is weggelegd. + +Onbevreesd dus wandelen wij met den jongen man naar den bewusten +Albergo. Niettegenstaande de vreemde omgeving, hebben wij een +oogenblik het gevoel of wij een hollandsch stadje binnentrekken, immers +evenals daar te doen gebruikelijk is, stroomen ook hier de inwoners +van alle zijden toe om onzen plechtigen intocht bij te wonen, er +vormt zich achter ons een kleine optocht en begeleid door een flink +escorte trekken wij voorbij het andere hôtel, welks eigenaar ons +met donkere blikken nakijkt, en komen weldra aan voor een groot oud +palazzo.--Breede marmeren trappen leiden naar een ruime vestibule op +de eerste verdieping; het geheel getuigt alweer van vroegere weelde +en grootheid, doch is thans overtogen door een waas van verarming en +vervuiling. De waard heet ons welkom, laat ons in de groote eetzaal +en vervolgens in onze daarop uitkomende slaapkamers. Het zijn alle +groote en zeer hooge vertrekken met uitzicht op de Etna. + +De hôtelier is blijkbaar niet zeker genoeg geweest van onze komst om +daarvoor iets in huis te nemen of in gereedheid te brengen. Hij zit er +erg mee in wat hij zoo op eens klaar moet maken, maar heeft gelukkig +zooals een rechtgeaard Italiaan betaamt, macaroni in huis. Terwijl de +jongen in ruwe aarden kannen water op onze kamers brengt, wordt met +den heer waard overeengekomen dat hij ons gedurende vier en twintig +uren zal herbergen en verzorgen en met den noodigen goeden wijn onze +dorst zal lesschen voor de somma van zeven lire de persoon. Wij +houden een nauwkeurige inspectie over slaapkamers en bedden, die +na onzen eersten indruk van het hôtel gelukkig nog al meevallen, +en wachten met belangstelling af welk maal men ons zal opdisschen. + +Al spoedig worden wij aan tafel genoodigd en na een diep bord met +macaroni en tomaten te hebben genuttigd, worden wij onthaald op kip. De +waard blijft heen en weer loopen, vraagt telkens belangstellend of +het smaakt en herinnert ons herhaaldelijk aan het feit dat wij op het +land zijn, waar men geen hooge eischen kan stellen. Wij verklaren ons +dan ook volkomen tevreden, doch van de oogenblikken dat de man zich +omdraait maken wij behendig gebruik om eenige varkens, die onder de +ramen loopen te knorren, mee te laten genieten van de ongare kip. 's + Mans verbazing moet groot geweest zijn zelfs de beentjes niet op onze +borden terug te hebben gevonden, doch of hij dit heeft toegeschreven +aan hollandsche zeden, hij heeft met italiaansche wellevendheid over +de zaak gezwegen. Intusschen laat u door dergelijke kleinigheden toch +niet afschrikken een nacht in Randazzo te blijven, niet alleen dat +het stadje zelf een bezoek overwaard is, maar tenzij gij vóór dag +en vóór dauw op weg wilt gaan, moet gij er dit voor over hebben, +indien gij de Circum-Etnea toer geheel bij daglicht maken wilt. + +En nu de stad in. Randazzo is de plaats die het dichtst nabij +den Etna-krater gelegen is. Het dateert uit de middeleeuwen, +heeft een bevolking van ongeveer 12000 zielen, en is grootendeels +uit lava gebouwd. Hoewel deze hier en daar is beschilderd hebben +de gebouwen die hun oorspronkelijke kleur behielden een somber en +droevig aanzien. Aan al die bruin-zwarte kerken, scholen en huizen, +aan die vervallen gebouwen die nooit worden opgeruimd, maar overal +als ruïnes blijven staan, kan zelfs de italiaansche zon geen vroolijk +tintje geven. Wij bezoeken de hoofdkerk de Santa Maria, een gebouw uit +de dertiende eeuw, met een negentiende eeuwsche toren in den stijl +van de kerk opgetrokken. Oude paleizen als dat van Baron Fisauli, +het palazzo Finochiaro, het stadhuis trekken onze aandacht en zijn +nog een sieraad van de stad. Het vroegere hertogelijke paleis is +in een gevangenis veranderd en de hôteljongen wijst ons de puntige +ijzers die uit den gevel steken en waarop men vroeger de hoofden der +onthalsden ten toon stelde. + +De kerk San Nicolo is geheel van steen gebouwd met vroolijke +afwisseling van witte en zwarte kleur en komt dus aangenaam uit tegen +de sombere omgeving. Van de hoofdstraat bereikt men die kerk door +een zeer fraaie overwelfde gang. + +Onze waard had ons medegedeeld dat een rijk particulier, Baron +Vagliasindi del Castello, eigenaar was van een groote verzameling +oudheden, een waar museum vormend. Wij zenden dus onzen jongen naar hem +toe om belet voor ons te vragen, en komt deze ons spoedig berichten +dat wij welkom zullen zijn. Met groote vriendelijkheid worden wij +ontvangen door den heer des huizes die ons zelf zijne schatten wil +laten zien. Een aangenaam onderhoud ontspint zich waarin de heer +Vagliasindi ons mededeelt dat hij behalve grondbezitter en oeconoom +ook oculist is. Hij heeft te Parijs gestudeerd, doch tot nu toe +was het hem nog niet gelukt zijne fransche vrienden over te halen +hem in het binnenland van Sicilië te komen bezoeken; de Franschen, +zegt hij, beschouwen Sicilië nog als het land van roovers en van de +Maffia, waar geen christenmensch zich wagen kan, en hij constateerde +met genoegen dat de Hollanders op dat punt meer verlichte begrippen +hadden. Op onze vraag of er dan werkelijk van al die verhalen niets +waar is, deelt hij ons mede dat de toestand werkelijk niet rooskleurig +genoemd kan worden, doch dat reizende vreemdelingen niets te vreezen +hebben zoolang zij stil huns weegs gaan, zich niet te veel bemoeien +met het volk en vooral geen nieuwsgierige vragen doen of een kijkje +willen nemen in de woningen. Dan krijgt men argwaan, beschouwt die +indringers als lieden door het gouvernement gezonden om na te gaan +of er ook nog nieuwe belastingen kunnen worden opgelegd, en zou men +hen misschien een leelijke kool stoven. Geheel anders echter wordt +de zaak voor grondbezitters en landheeren, die moeten steeds op hun +hoede zijn, zich niet ongewapend of onverzeld te ver van hun veilige +woonplaats wagen, willen zij niet de kans loopen te worden opgelicht +en slechts tegen een flink losgeld te worden vrijgelaten. + +Het museum van onzen vriendelijken gastheer, uitsluitend bestaande +uit voorwerpen, op zijne eigene bezittingen opgegraven, is werkelijk +overrijk en belangwekkend en bevat grootendeels dezelfde zaken die +men bij duizenden ziet in de musea van Palermo, Messina en de andere +steden van Sicilië. Lange reeksen grieksche en phoenicische vazen en +aardewerk, vele overblijfselen uit het steenen en bronzen tijdperk, +hamers, pijlpunten enz. twee prachtige gouden slangen, waarschijnlijk +armbanden, ontelbare romeinsche lampjes en beeldjes en eenige arabische +voorwerpen. Met groot geduld wordt ons alles uitgelegd en vertoond +en men kan aan alles merken dat wij den wellevenden Italiaan met ons +bezoek een groot genoegen doen. + +Daar wij nog een paar uur daglicht te goed hebben, wandelen wij +de stad uit een landweg op, knoopen hier en daar een praatje aan +met dezen en genen die ons daartoe 't meest geschikt voorkomt, +om zoodoende nog eens iets meer te hooren aangaande de bewoners +dezer lava-stad. Zij zijn voor een groot deel landbouwers en het +is een eigenaardige bizonderheid van Sicilië dat die niet evenals +bij ons op het land wonen, maar zooveel mogelijk in de steden. Zij, +die hun land in de nabijheid dier steden hebben, verlaten des morgens +vroeg hunne woonplaatsen en keeren daarin des avonds terug. Anderen +wier landerijen op grooter afstand zijn gelegen, gaan des Maandags +ochtends daarheen, bewonen de geheele week hunne armelijke steenen +hutjes en komen Zaterdagavond weer naar de stad om den Zondag bij +vrouw en kinderen te slijten. + +Het is de moeite waard bij het vallen van den avond deze +schilderachtige figuren naar de stad te zien terugkomen over den ouden +heirweg van Messina naar Palermo die langs Randazzo loopt. Dan een +landheer hoog te paard, zijn mantel tot op zijne voeten afhangende, +in gestrekte galop, dan een tweewielig wagentje getrokken door een +muildier dat moeite heeft de talrijke passagiers voort te zeulen, +dan een ezel niet zelden bereden door twee of drie volwassen mannen +en bovendien beladen met eenige takkenbossen of zakken hooi. In +eindelooze karavaan trekt dit alles aan ons oog voorbij en eerst +als het bijna volslagen duister is, begint de stroom te minderen +en keeren wij terug naar ons hôtel. Daar worden wij blijkbaar niet +verwacht, want op onze komst geraakt alles in rep en roer, de waard +roept: licht, licht, vlug! en boven aan de trap verschijnt een klein +petroleumlampje waarmee men ons voorlicht naar de eetzaal. + +Tot onze verbazing bericht hij ons dat er bezoek voor ons is geweest +en overhandigt ons ieder een reusachtig groote visitekaart. Het was de +Heer Vagliasindi del Castello die ons met ouderwetsche hoffelijkheid +een uur geleden een contra-bezoek had gebracht. + +Na een avondmaaltijd, niet veel beter dan het diner, gaan wij nog even +genieten van den prachtigen avond en het natuurgenot doet ons alras +de kleine hôtelmisères vergeten. Een heldere, diep-blauwe hemel, +waarin de sterren schitteren met veel grooter glans dan wij dit in +onze waterachtige atmosfeer gewend zijn, welft zich boven de Etna die +met haar pluim van rook daar zoo vredig ligt alsof zij nooit eenig +onheil had gesticht. + +De waard roemt zichzelf als uitstekende gids, hij vertelt van zijn +verschillende tochten, van de uitmuntende paarden, muildieren en tenten +die hij te zijner beschikking heeft. Maar als wij hem voorstellen den +volgenden dag met ons zijn trots, zijn Etna te beklimmen, dan weigert +hij. Hij schijnt op ons voorstel niet in 't minste verdacht te zijn, +want plotseling krijgen zijne verhalen een ander tintje. In dezen +tijd van het jaar de Etna op, waaraan denken wij! Het is veel te koud, +storm en sneeuwjachten kunnen ons overvallen! Vooral de koude schijnt +hij te vreezen en voor geld noch goede woorden is hij tot de excursie +te bewegen. + +Hoe aanbevelenswaardig een bezoek aan Randazzo ook moge zijn, zonder +al te veel hartzeer zal men toch den volgenden dag dit sombere stadje +weer verlaten. Weder door vele bewoners uitgeleide gedaan begeven wij +ons spoorwaarts, bemerken nog op onze wandeling daarheen dat de pleinen +der stad worden gebruikt tot droging van mais en andere granen, en is +het een eigenaardig gezicht groote oppervlakten, met deze goudgele +voedingsmiddelen bedekt, in de zon te zien schitteren. Of er door +de stad voor dit gebruik ook precario geheven wordt, zijn wij niet +gewaar kunnen worden. + +Wij bestijgen weder het kleine, schuddende treintje om onze reis om +de Etna te vervolgen. De verdere weg is niet minder afwisselend in +grondgesteldheid en natuurschoon dan het eerste gedeelte, en van uit +onze eerste klasse coupé, welks frischheid het best is te vergelijken +bij een hollandsche derde klasse wagen, rooken, op een marktdag, +zien wij het grootsche panorama aan ons voorbij glijden. Nog steeds +gaan wij hooger den berg op, tusschen korenvelden door, die aan +het glooiend terrein om Randazzo het aanzien geven van een groote +lappendeken, in alle kleurschakeeringen van bruin tot geel; dan wordt +het landschap eenzaam en verlaten en sporen wij door onafzienbare +lavavelden zonder eenig groen, zonder een enkele woning, van tijd +tot tijd door een kleinen tunnel, in de lava geboord. Hier bereiken +wij het hoogste punt ± 1000 M. en dalen van daar naar Bronte 793 M., +een welvarend plaatsje van 20000 inwoners. Voorbij Bronte begint +de weg snel te dalen; nog steeds over breede lavastroomen, over +onbewegelijke eeuwenoude steenmassa's, naderen wij meer en meer de +bewoonde wereld. Allengs wordt het land weder vruchtbaarder; wij zien +weer groote velden grijs-blauwe cactussen overladen met vruchten, +daarna brem en eindelijk weder wijngaarden, olijf- en amandelboomen +die een verkwikking zijn voor het oog. Langs de bloeiende stadjes +Adernó en Paternò naderen wij het einde van onzen tocht; in de verte +verrijzen de torens van Catania, de boomen van het park Bellini en +eindelijk achter dit alles doemt aan den horizont de heerlijk blauwe +zee weder op. En langs deze eeuwig schoone spooren wij nu weder terug +naar ons punt van uitgang; steeds volgen wij de kust en belangwekkend +is het te zien hoe aan de gloeiende lavastroomen die zich in woeste +vaart van uit den krater op den berg hadden gestort, alles in hun +vaart vernielende en medesleepende, door de nog machtiger zee een +tot hiertoe en niet verder werd toegeroepen, hoe zij door het water +gebluscht, zich in groote rotsgevaarten en onmetelijke steenkolossen +langs de kust hebben opgestapeld, daaraan een afwisseling gevende +van wondere grilligheid en onvergelijkelijke schoonheid die het oog +voortdurend geboeid houdt. + +Teruggekeerd te Taormina zien wij met welgevallen terug op het door +ons gemaakte uitstapje, nog één dag rusten wij uit, genietend van +het goede hôtel Victoria en zijn vriendelijke bewoners. + +Ons verblijf aldaar spoedt helaas ten einde, en alleen de gedachte +dat nieuwe heerlijkheden ons wachten, dat Syracuse, Malta en Tunis +nog op ons reisprogram staan, kan ons doen besluiten dit schoone oord +te verlaten. + +Doch niet dan nadat wij nog een bezoek hebben gebracht aan den kunst- +en smaakvollen photograaf, die van deze prachtige natuur in combinatie +met de vele schoone gestalten der jeugdige mannen en vrouwen die haar +bevolken, de heerlijkste groepen in de fraaiste omgeving heeft weten +te maken. En vooral heeft hij een open oog voor de schilderachtige +groepjes die men bij iederen stap ontmoet, voor de aardige meisjes +in kleurigen dracht die in druk gesprek aan gindschen fontein hare +waterkruiken komen vullen, voor den minnaar die zijne beminde een +lied voorzingt onder begeleiding der guitaar, voor den prachtigen +monnik in onderhandeling over de reparatie van een paar schoenen, en +voor wat niet al! Een aardiger herinnering aan dit liefelijk plaatsje +zou moeilijk zijn te vinden. + +Mogen bijgaande reproducties en deze korte beschrijving, die slechts +in zwakke klanken de werkelijkheid teruggeeft, velen doen besluiten +een bezoek te brengen aan Taormina. + + + +Abessynië en de berichten van het duitsche gezantschap naar dat land. + + +Abessynië is in de laatste jaren het doel van een reeks buitengewone +missies geweest; de eene heeft de andere afgelost, en de volken van +West-Europa, zoowel als de Vereenigde Staten, hebben een koortsachtigen +ijver aan den dag gelegd, om het maagdelijke land met hun handel en +industrie in verbinding te brengen. Uit die veelzijdige belangstelling +blijkt al de beteekenis, die men hecht aan de nog niet geëxploiteerde +schatten van dit bijna aan den uitersten rand der heete luchtstreek +gelegen hoogland, en blijkt tevens, hoe bij de bevolking aldaar +de behoefte aan de voortbrengselen der industrie met de ontwakende +beschaving verondersteld wordt. + +Een zeer aanschouwelijke voorstelling van de algemeene, economische +toestanden in dit op den voorgrond tredende afrikaansche land en van +zijn beteekenis als afzetmarkt en leverancier van tropische producten +geeft een door de duitsche regeering onlangs gepubliceerd overzicht +in de "_Berichten over handel en industrie_" van de mededeelingen, +die het buitengewone gezantschap naar Abessynië had gedaan. + +Dr. Rosen ging in 't begin van 1905 van Djiboeti uit over Harrar naar +het hof van koning Menelik te Adis Abeba, heeft daarna het land naar +het Noorden in de richting van het Tanameer, Goudar en Adua doorkruist, +en keerde over de italiaansche haven Massowah naar huis terug. + +In de vier maanden, die de expeditie in Abessynië doorbracht, heeft +zij overvloedig materiaal verzameld, dat een helder licht verspreidt +over de algemeene toestanden, over ligging en grondgesteldheid, +bodem, klimaat, bevolking, talen, steden, hoofdbronnen van bestaan, +toegangen naar Abessynië, verkeerswegen in het binnenland, waterwegen, +middelen van vervoer, karavaangelden, tollen, post- en muntwezen, +maten en gewichten, de abessynische bank, uit- en invoer. Veel waren +zijn bijeengebracht, ten einde duidelijk te maken, hoe het met den +tegenwoordigen handel staat en hoe die uitgebreid kan worden, zoowel +wat den uitvoer naar als den invoer uit Europa betreft. + +De voornaamste middelen van bestaan van het abessynische volk zijn +veeteelt, landbouw en jacht. Aan het ministerie van Binnenlandsche +Zaken is een soort van tentoonstelling georganiseerd van abessynische +producten, zoo meldt de _Deutsche Kolonialzeitung_ van 6 Januari 1906, +en daar kan men de voor de wereldmarkt beschikbare runder-, schapen- +en geitenvellen zien, die, naar kenners beweren, de hoedanigheden +bezitten, welke hen gewild doen zijn bij de gebruikers. Over Djiboeti +werden in het jaar 1903 voor 1,351,467 francs huiden van allerlei +soort, en over Massowah voor 174,911 lire runderhuiden en voor 828,542 +lire geiten- en schapenvellen uitgevoerd. + +De landbouwproducten zijn er vele. Er moeten wel 16 soorten van gerst +en 20 soorten van tarwe in Abessynië voorkomen, en de zaden van gerst +en tarwe vallen met de vele oliehoudende zaden sterk in het oog. Ook +aan peulvruchten en specerijen is het land rijk. Wat de vezelplanten +betreft, munten eenige bijzonder goede katoensoorten uit. Koffie komt +in twee soorten in den handel. De Harrarikoffie wordt in de provincie +Harrari gekweekt, terwijl de zoogenaamde abessynische koffie gewonnen +wordt in de zuidwestelijke provincies, waar ze in het oerwoud ook in +'t wild groeit. Beide soorten zijn van uitstekende qualiteit, niet +onderdoend voor de mokka van de overzij der Roode Zee. + +De jacht levert er kostbare artikelen als ivoor, huiden van leeuwen, +panthers, otters, apen, giraffen, zebra's, antilopen, slangen en +krokodillen. Ook op den neushoorn en het nijlpaard wordt jacht gemaakt. + +Klimaat, regenhoeveelheid en grondgesteldheid zijn over 't algemeen +geschikt voor landbouw. De berglucht, die bij het karakter van +hoogland, dat Abessynië bezit, voor elken Europeaan het verblijf in +het land mogelijk maakt, weert ook malaria en tropische ziekten en +werkt gunstig op de ontwikkeling der bevolking. De verschillen in de +bevolking zullen op den duur voor een goede verdeeling van arbeid +zorgen en zullen hier den landbouw, ginds de veeteelt, elders de +industrie of de zorg voor het verkeerswezen op den voorgrond brengen. + +Belemmerend voor de ontwikkeling van het economische leven werken het +gebrek aan verkeerswegen in het land, de dure karavaanvrachten, de +onzekere tollen, het slecht geordende muntwezen, waarbij staven zout +en geweerpatronen nog als ruilmiddelen dienst doen, het gebrekkige +postwezen en de afgezonderde ligging van het land. Voor het verkeer +van en met Abessynië heeft op dit oogenblik Djiboeti, de fransche +Roode-Zeehaven, nog de grootste beteekenis. De spoorweg tot Harrar +heeft die beteekenis nog vergroot. + +Het industriëele leven is in het land nog minder ontwikkeld dan +landbouw en veeteelt. De weverij, het kleêr en schoenmaken, het +korenmalen en broodbakken zijn nog huisbedrijven. Bij het maken van +aardewerk ontbreekt nog de overal reeds gebruikelijke draaischijf. In +metaal- en lederbewerking heeft men het iets verder gebracht. Van +eigenlijke industrie in europeeschen zin is nauwelijks het eerste +begin aanwezig. Ook over den rijkdom aan mineralen moet men zich het +oordeel nog voorbehouden, tot het land beter geologisch onderzocht +zal zijn. Vastgesteld is intusschen reeds het voorkomen van goud, +zilver, ijzer, tin, zink en kool. + +Onder deze omstandigheden is het land, voor zoo ver zijn koopkracht +reikt, en voor zoover de behoeften der bevolking aan de voortbrengselen +der beschaving reeds gewekt zijn, aangewezen op den invoer van +producten uit het buitenland. Het meest staan daarbij de geweven +stoffen op den voorgrond. + +Het klimaat doet de behoefte aan die stoffen ontstaan, en vooral katoen +is een gewild artikel; het meest worden ingevoerd de uit Britsch-Indië +en de Vereenigde Staten komende, ruwe, ongebleekte stoffen. Zeer +overvloedig is ook het gebruik van gebleekte, geverfde en bedrukte +katoenen stoffen, waarbij Duitschland zal kunnen mededingen. Kousen +en tricotbuizen worden reeds veel ingevoerd uit Duitschland. + +Onder de in Berlijn tentoongestelde voorwerpen ziet men stukken +mousseline en calico, witte stoffen voor hemden en andere +onderkleedingstukken, dril, damast, percal en andere. Wollen en +katoenen garens worden in de huisweverij in Abessynië veel gebruikt, +en naaigarens bij de vervaardiging van kleedingstukken. Het gebruik +van zijden stoffen is niet van veel beteekenis, omdat het zich bepaalt +tot de voorname klassen der bevolking. Ook wollen stoffen vinden niet +veel aftrek. Wel zouden als invoerartikelen in aanmerking kunnen komen +dekens en tapijten, die ook in halfwol en katoen gewild zouden zijn. De +invoer van ruw ijzer is van weinig belang, omdat er zoo weinig ruwe +metalen in het land worden bewerkt. Men gebruikt bij den bouw der +woningen veel plaatijzer. Als maar eenmaal het land eenige stapjes +verder op den weg der ontwikkeling heeft gedaan, zullen werktuigen +en gereedschappen van allerlei soort in veel grooteren getale aftrek +vinden. Tafelmessen, vorken en lepels worden nog lang niet algemeen +gebruikt; zakmessen beginnen reeds veel gewenscht te worden. Van +meer beteekenis is reeds de aanwending van glazen, pannen, borden +enz. terwijl de grootste rol de geëmailleerde ijzerwaren spelen. Wapens +en degengevesten vinden steeds aftrek. + +Glas, steengoed, porselein, spiegels, petroleum, hoeden, naaimachines, +leêr, papier, klokken, parasols, schoenen, voedings- en genotmiddelen +zijn allen dingen, die nu reeds bij den invoer in Abessynië eene +meer of minder gewichtige rol spelen. Onder de genotmiddelen zou +misschien vooral suiker voor den duitschen uitvoer naar Abessynië in +aanmerking komen. De behoefte daaraan is tot nu toe door Frankrijk +en Oostenrijk gedekt. + +Voor Duitschlands handel en industrie worden dus in Abessynië op de +meest uiteenloopende gebieden uitzichten geopend, en wij kunnen ons +aandeel erlangen aan de openstelling van het land voor den handel. De +wegen zijn nu geeffend door het handelsverdrag, dat de buitengewone +zending naar Abessynië met de regeering heeft gesloten; verder door +onze deelneming aan de oprichting van de in het leven te roepen +ethiopische bank en aan toekomstige spoorwegondernemingen. + +Toevallig komen juist in dezen tijd van vriendelijke toenadering van +Duitschland tot Abessynië berichten over een belangwekkende toenadering +van Abessynië tot Egypte. De stoot daartoe heet uitgegaan te zijn van +den sultan van Turkije; maar of Engeland niet mee een klein duwtje +heeft gegeven? + +Een zending althans van Mac Millan naar Menelik van Abessynië schijnt +nog al goede resultaten te hebben gehad en tot een voortdurende +vriendschappelijke verhouding tusschen de twee staten aanleiding te +zullen geven. Het handelsverkeer tusschen den egyptischen Soedan en +Abessynië zal ervan profiteeren en het verkeer op den Boven-Nijl zal +erdoor toenemen. + +De goedwilligheid van den sultan in dezen is tezelfdertijd +gebleken bij een geschil tusschen de Ethiopiërs en de Kopten over +het klooster Deir es Sultan te Jeruzalem, dat door de christelijke +Kopten opgeeischt werd, nadat het door de Mohammedaansche Ethiopiërs +bezet was. Tot regeling van deze zaak werd Sadik-pacha naar keizer +Menelik afgevaardigd met een eigenhandigen brief van den sultan en +rijke geschenken. De zaak werd in het voordeel der Kopten beslist. + +Men ziet, Menelik laat zich het hof maken, en hij zendt van +zijn kant telkens ook gezanten naar Europa voor het aanknoopen +van betrekkingen. Een zijner buitengewone gezanten was o.a. in +October in Roemenië voor het aankoopen van meel, tarwe en haver +voor Abessynië, wat niet geheel klopt met de hoopvolle mededeelingen +over den graanrijkdom van Abessynië in het boven weergegeven duitsche +rapport. De negus was intusschen heel vriendelijk voor Dr. Rosen en de +zijnen, en voor keizer Wilhelm kreeg de gezant de Ster van Aethiopië +mee, de hoogste orde van het land in goud en brillanten, plus een +kostbaar abessynisch schild, antieke kruisen met belangwekkende +opschriften uit het oude christenland, dat Abessynië is, en eenige +zware olifantstanden. + +Het duitsch-abessynisch handelsverdrag, dat 7 Maart in Adis Abeba +is geteekend, heeft handelsovereenkomsten met Engeland, Frankrijk en +Italië in zijn nasleep gekregen. + +Geen wonder, dat er telkens geruchten opduiken van Menelik's aanstaande +komst in Europa; hij zou naar Rome, Parijs en Londen gaan. Zelfs +Rusland interesseert zich voor het land der bruine Christenen; het +heeft dezer dagen een zending ingenieurs erheen gestuurd, die er +rijke goudmijnen constateerden en Menelik den raad gaven de mijnen +voor eigen rekening te ontginnen. + +"_Surtout pas trop de zèle_" mag hier wel gelden! + + + + +Indrukken van Finland + +Door Jonkvrouwe Clara Engelen. + + +Suomi is de zachte, welluidende, droomerige naam, dien de Finnen hun +land hebben gegeven. Het is de naam van het land, dat in den laatsten +tijd onze aandacht tot zich trekt, welks strijd voor vrijheid en oude +rechten onze belangstelling gaande houdt. + +Finland is voor ons, Hollanders, betrekkelijk onbekend. Waarschijnlijk +zou het dat voor mij ook gebleven zijn, als het gelukkige toeval mij +niet met eene Finsche had samengebracht, en ik niet in de gelegenheid +ware geweest om Finland tweemaal te bezoeken. + +Een paar jaar geleden nam ik het besluit, mijne finsche vriendin naar +haar land te vergezellen en weinige dagen later waren we te Lübeck, +om des avonds van daar met de _Storfürsten_ [1] naar Helsingfors te +vertrekken. Voor dat we ons plaatsbewijs voor den overtocht kregen, +moesten wij onzen pas laten zien en hem later op de boot dadelijk +afgeven. Groot was de _Storfürsten_ niet; zij leek mij zelfs in 't +oogvallend klein, maar ik wist toen nog niet bij ondervinding, dat +de Oostzee zeer weinig golfslag heeft en dus ook door betrekkelijk +kleine schepen kan bevaren worden. De zeventien passagiers waren +voor het meerendeel Finnen, die naar hun land terugkeerden, blij het +conservatieve Midden-Europa, zooals zij dat uitdrukken, te kunnen +verlaten. Mijn vriendin had spoedig een paar kennissen gevonden, +bij wie we ons gedurende de reis aansloten en met wie ik heel wat +heb afgepraat. Bij meer dan één gelegenheid hebben we het Noorden +en Midden-Europa met elkaar vergeleken, en telkens viel het mij op, +hoe er door deze lieden met een zekere minachting gesproken werd over +het laatste, dat als zeer behoudend en overbeschaafd bestempeld wordt. + +Een ander thema dat ter sprake kwam, was de emancipatie. De Finnen +zijn wat dit punt aangaat, zeer vooruitstrevend. Co-educatie b.v. is +iets dat van zelf spreekt. Bijna alle meisjes doen hun "baccalaureat", +[2] studeeren eenige jaren en zoeken vervolgens eene betrekking. De +Finnen stellen er een groote eer in, dat zij andere landen zooveel +vooruit zijn, maar hebben tevens de neiging om alles af te keuren, +wat niet òf uit Zweden, òf uit hun eigen land stamt. + +Opmerkelijk is het, dat de Finnen zich buiten hun land nooit recht +thuis voelen; zij zijn geen kosmopolieten en het best te waardeeren +in hun eigen omgeving; daar zijn ze gezellig en buitengewoon gastvrij +voor vreemdelingen. Zoo hebben zij tijdens de reis al het mogelijke +gedaan om mij niet buiten hunne gesprekken te sluiten en mij van hun +land alles te vertellen, waarin ik belang kon stellen. Om mij genoegen +te doen spraken ze ook onder elkaar duitsch, en werd er eens wat in +'t zweedsch of finsch gezegd, dan was er altijd iemand die als tolk +dienst deed. + +De avonden op de _Storfürsten_ waren wel het gezelligst. Het weer +was bizonder goed en dus konden we tot laat in den avond op het dek +zitten. Eerst werd er gepraat, en als de late schemering begon te +vallen, werden er liederen gezongen met een langzamen rhythmus, in een +voor mij onbekende weeke, zoetvloeiende taal. Geruischloos stoomde de +_Storfürsten_ over het water, dat effen was als een ijsvlak en waarin, +aan den kant van het Noorden de lichte streep der ondergaande zon werd +weerspiegeld. Nog later steeg de maan uit de zee op en vertoonde zich +als een groote schijf aan den wolkeloozen hemel. In de verte, aan den +horizon, zag men de lichten der vuurtorens van Gothland, Dagö en Ösel. + +Ook den laatsten avond zouden we op het dek doorbrengen, maar +... om drie uur 's middags kwam er mist, tegen vijf uur begon +de boot eigenaardig te schommelen en om acht uur was de storm in +vollen gang. Dienzelfden nacht voeren wij de Finsche golf binnen en +in den morgen bereikten we Reval. Hier kwam de douane aan boord en +inspecteerde niet alleen de bagage maar ook onze passen. Ze zagen +er krijgshaftig uit die grenswachters met hunne uniformen, hooge +laarzen en groote slagzwaarden. Toen ik me hierover eene opmerking +veroorloofde, werd mij dadelijk het zwijgen opgelegd met een: hou je +stil, anders krijg je last van hen! In Reval hadden we een uur tijd om +de stad te bezichtigen. De alles overheerschende indruk, dien ik kreeg, +was, dat huizen, straten en menschen onbeschrijfelijk vuil zijn. De +bevolking heeft het bizondere type, dat aan den russischen moeijik +herinnert: een goedige, domme, slaperige uitdrukking van het gezicht, +lange baarden, recht afgesneden haar; een roode kiel, die tot de knieën +reikt, en de voor een Rus onmisbare hooge vetlaarzen. Verder vielen me +de kleine rijtuigen op, getrokken door paarden, die gespannen zijn in +een hoog halsstel en bestuurd worden door een koetsier met een langen, +blauwen jas aan en een platten, hoogen hoed op. Gaarne waren wij wat +langer in Reval gebleven, doch we moesten naar de boot terug. + +Om twaalf uur kwam Helsingfors in 't gezicht; eerst als een witte +streep aan den gezichteinder, maar spoedig kon men enkele gebouwen +onderscheiden, zooals de russische kerk met haar blinkende koperen +koepels. We voeren nu niet meer door de open zee, maar tusschen de +talrijke eilandjes, die voor de finsche kust liggen. Dit zijn de +"scheren", die Helsingfors een natuurlijke haven geven. Sommige +van die scheren zijn bewoond, andere niet; er zijn er begroeid met +boomen, en ook die als kale klippen boven het water uitsteken. Voor +men te Helsingfors aankomt, vaart men langs Sveåborg, de vesting, +vroeger door de Zweden en nu door de Russen bezet. Zij wordt streng +bewaakt en de toegang is voor ieder verboden. [3] Er wordt beweerd, +dat er staatsgevangenen onder in de kelders zitten opgesloten; van +andere zijde heb ik dit beslist hooren tegenspreken. In de nabijheid +van Sveåborg ligt nog een eilandje, door militairen bezet. Men +zegt dat ook daar gevangenen zijn; niemand mag het eiland naderen; +te middernacht legt er een boot aan, om de bezetting van voedsel +te voorzien. Er werd gefluisterd, dat de vader van Schumann [4] daar +gevangen zat. Een andere persoon verzekerde mij, dat er niets bizonders +aan het eiland is en dat het tot Sveåborg behoort; hij voegde er bij: +de Finnen houden van mysterieuse geschiedenissen en nemen dikwijls +zeer onzekere dingen voor waar aan. + +We konden niet te Helsingfors aan land komen voordat de douane ons de +passen had teruggegeven. De namen van de passagiers werden afgeroepen +en ieder moest maar zorgen zijn pas terug te krijgen, want zonder +pas wordt men nergens toegelaten, waar de Russen hunne oppermacht +doen gelden. + +Helsingfors is in 1550 gesticht en sedert 1817 de hoofdstad van het +finsche groothertogdom. Eerst na dien tijd is het een stad van eenige +beteekenis geworden. Het is een moderne stad, als 't ware volgens +een vast schema gebouwd, met rechte straten, afgewisseld door mooi +aangelegde en goed onderhouden parken. De groote beweging is op de +Esplanade: daar zijn de cafés en daar is elken avond muziek. In de +nabijheid van Helsingfors zijn talrijke gelegenheden om des avonds +te soupeeren, of de middaghitte te ontloopen. Wie in Helsingfors +is geweest, kent ongetwijfeld: Klippan (de klip), Alphyddan (de +alpenhut) Brunsparken en Högholmen. Klippan is een van de scheren; +vooral des avonds heeft men er een prachtig uitzicht: aan den eenen +kant de zee met de vele eilanden, aan de andere zijde het silhouet +van de stad en de haven. Als men eenmaal des avonds op Klippan is, +vergeet men den tijd; zoo tenminste ging het mij, want zelfs om 11 +uur was het nog niet geheel donker. Als men dan laat in den avond in +Helsingfors terugkomt, zijn de straten meer bevolkt dan midden op +den dag. De stad is namelijk in den zomer zeer warm; wie kan, gaat +van Mei af naar buiten, en zij die in Helsingfors moeten blijven, +gaan eerst tegen den avond uit. De familie waar ik zou logeeren, +was ook met de geheele huishouding buiten, en alleen de heer des +huizes was naar Helsingfors gekomen, om met zijne dochter mij de +stad te laten zien. Omdat we dus geen bediening in huis hadden, +namen we onze maaltijden in een restaurant. Zoo maakte ik in +Brunsparken nader kennis met de zweedsche keuken, [5] waarvan ik +op de _Storfürsten_ al een voorproefje had gehad. Men begint het +middagmaal met smörgos, [6] dat gedekt staat op eene groote tafel in +'t midden van de eetzaal. Bedien u zelf! heet het hier. Men neemt een +bordje, vork en mes en begint van al de lekkernijen, die gereed staan, +wat op te pikken; een radijs, een stukje knäckebröd, [7] wat gerookt +rendiervleesch, wat wittebrood; maar pas op, het brood zoowel als de +gemarineerde sardines zijn zoet van smaak! Het smörgos wordt staande +gegeten en het kost heel wat moeite eer men leert, handig met vork en +mes te manoeuvreeren en ook om de lekkerste beetjes te vinden. Voor de +heeren staat er brandewijn klaar, dames drinken nooit daarvan. Na het +"smörgos" begint het eigenlijke middagmaal. Volgens het menu kan men +als eerste gerecht kiezen, soep of "tilbunke". Heeft men den moed dit +laatste te bestellen, dan komt er eene glazen kom met ... "hangop"; +in Zweden en Finland eet men deze spijs des zomers in plaats van +soep. Verdere verrassingen komen er met het eten niet dikwijls voor, +alleen is alles met veel vet klaargemaakt, maar daar went men aan. + +Alphyddan is een meer bescheiden uitspanningsoord, maar ligt heel +mooi te midden van een bosch. Zoo dicht bij een stad zou men niet +een dergelijke "wildernis" verwachten. Alleen de rijwegen zijn goed +onderhouden, voetpaden vindt men er bijna niet. Het bosch staat voor +iedereen open, men mag loopen waar men wil, verboden wegen zijn er +niet, men mag er bloemen plukken zooveel men lust heeft; maar van +'t vernielen van planten is geen sprake, want de Finnen leeren van +hunne jeugd af aan zorg te dragen voor het algemeen eigendom. + +Högholmen, het "hooge eiland", is de dierentuin, waar de rendieren, +die daar in vrijheid rondloopen, wel het merkwaardigst zijn. + +Ik trof het niet, dat in Helsingfors alle openbare gebouwen wegens de +zomervacantie gesloten waren. Oude gebouwen vindt men er in 't geheel +niet; maar de moderne vertoonen een zeer merkwaardigen stijl. Dit +is de "nieuwe finsche stijl", die voornamelijk symbolistisch is; +de huizen zijn versierd met allerlei mystieke gedrochten, die in +het Kalevala, de Volkssage der Finnen, worden genoemd. De bouw van +de huizen schijnt terug te gaan op een stijl, die in overoude tijden +in Finland gebruikt werd; dit heeft mij de bekende finsche architekt +Eliel Saarinen zelf verteld. Al die nieuwe huizen hebben een naam, aan +het Kalevala ontleend. Een van die gebouwen is de finsche schouwburg, +waarop de Finnen zeer trotsch zijn en waarin nationale stukken gespeeld +worden door hun groote tooneelspeelster Aino Acté. + +Mist men in Helsingfors de oude gebouwen, nog eigenaardiger is het +wellicht, dat er geene achterbuurten zijn: de huizen van rijken en +armen staan naast en door elkaar. + +Als vervoermiddel in de stad heeft men de electrische tram, maar +meestal maakt men gebruik van een van de vele rijtuigen, die overal +gereed staan. Het rijden in Helsingfors is zoo goedkoop, dat ook +de volksklasse er gebruik van maakt. De rijtuigen, alle voorzien +van gummibanden, zijn kleine victoria's, waarin slechts voor twee +magere personen plaats is; de rugleuning is bizonder laag. Het paard, +op russische manier aangespannen, loopt vlug, zelfs daar, waar het +in de heuvelachtige straten bergop gaat. De koetsier heeft ongeveer +dezelfde kleeding als die, welke ik in Reval zag en bedient zich zeer +zelden van het korte zweepje, waar hij gewoonlijk op zit. + +De winkels leveren over 't algemeen niets eigenaardigs op, behalve +die waar slöjd-voorwerpen en homespun kleeden worden verkocht. Die +kleeden zijn dikwijls versierd met kunstige steken of met +applicatiewerk. Meestal worden hiervoor heldere kleuren uitgezocht, +groen, blauw, rood, geel, oranje, nog des te meer sprekend door +de zwarte omlijning. De zelfde kleuren komen voor op de houten +slöjd-voorwerpen, die meestal zeer eenvoudig van vorm zijn. Zij +worden, evenals de kleeden, gemaakt door de boeren tijdens de lange +winteravonden. Zoo ook de voorwerpen uit gevlochten berkenschors +vervaardigd, waaronder zelfs schoenen zijn. + +Om Helsingfors te leeren kennen heeft men niet zoo heel veel +tijd noodig, en we besloten dus vrij spoedig de reis naar buiten +te ondernemen. We gingen tegen den avond uit Helsingfors. Eerst +spoorden we langen tijd door een bosch, toen door eene vlakte waar +niet heel veel moois of merkwaardigs te zien was. Tegen middernacht +bereikten we een dorp, van waar een boot vertrok naar de plaats +onzer bestemming. Het meer maakt een zeer bizonderen indruk, +vooral als men het voor de eerste maal ziet in het schemerachtige +middernachtslicht. Zwarte dennen staan er om heen, hun silhouet teekent +zich in krachtige lijnen tegen de rood-oranjekleurige lucht. Het +meer is zoo kalm, dat het geheele landschap er zich duidelijk in +weerspiegelt en het water dezelfde oranjekleur krijgt als de lucht. Het +landschap geeft den indruk van groote rust; ineens wordt het duidelijk, +waarom de Finnen zoo poëtisch zijn en zoolang droomend voor zich uit +kunnen staren. Men begrijpt dat deze natuur de Finnen gemaakt heeft tot +wat zij zijn: een volk van sagen en poëzie. Zoo stoomde de boot voort +in de eigenaardige schemering der noordernachten, en de natuur zou iets +kouds, zelf iets griezeligs gehad hebben, als niet de oranjetint van +de lucht meer warmte aan het landschap had gegeven. Langer dan twee +uur duurde de bootreis langs de tallooze eilandjes en landtongen, +die allerlei grillige vormen aan het meer geven. Tegen drie uur in +den nacht bereikten we het buiten waar ik zou logeeren. + +Voor we aan wal stapten werd ik opmerkzaam gemaakt op een sluis. "Zijn +er wel sluizen in Holland?" vroeg men mij. Ik kon niet nalaten even +te glimlachen over deze vraag. + +Bizonder hartelijk was de ontvangst; het nachtelijk uur werd niet in +aanmerking genomen, want de Finnen zijn er aan gewoon dat men den nacht +voor reizen gebruikt. De vrouw des huizes was op, zij had koffie voor +ons klaar gemaakt, maar na deze en enkele zoete beschuitjes gebruikt +te hebben, werd ik beleefd verzocht zoo gauw mogelijk naar bed te +gaan en den volgenden morgen niet al te vroeg voor den dag te komen. + +Ik had een aardige kamer, die zeer eenvoudig was ingericht; +de meubels waren van licht blauw geverfd hout; het bed bestond +uit een plank op twee schragen; de tafel was op dezelfde manier +gemaakt en een vriendelijke hand had er een grooten ruiker met +veldbloemen opgezet. Voor het groote openslaande raam hing een donker +gordijn. Eigenwijs, vond ik het volstrekt niet noodig het naar beneden +te laten en werd, tot mijn straf, een half uur later wakker door +de zon, die fel in mijne kamer scheen. Om negen uur kwam een keurig +gekleed dienstmeisje me een kopje slappe thee brengen, ook alweer met +zoet brood. Ik knikte haar toe; zij beduidde mij vriendelijk, van haar +kant, dat ik nemen moest wat ze mij bracht. Die pantomime herhaalden +we elken morgen, want ik heb geen woord tegen haar kunnen spreken. + +Toen ik me gekleed had, werd ik afgehaald om mee te gaan zwemmen; +dat doen de Finnen, ook het volk, in den zomer eens of ook twee keer +per dag. De boeren gebruiken elken Zaterdag hun dampbad, waarvoor +eene schuur nabij de boerderij is ingericht. Daar staat een groote +steenen kachel, waarboven een kamertje is voor drie of vier personen +om het dampbad te gebruiken. Daarna nemen zij gewoonlijk, soms zelfs +in den winter, eene koude onderdompeling in het meer. Ook de knechts +der boerderij hebben recht op hun wekelijksch dampbad. + +De dagindeeling was verder als volgt: + +Elken dag kreeg ik tot elf uur niets anders dan het kopje thee, +maar dan werd het wachten vergoed door een ontbijt, dat meer leek op +middageten. Tot twee uur gingen we wandelen of aan het meer zitten, +en dan werd buiten koffie gedronken met allerlei soorten van zelf +gebakken brood en koek. Des middags werd ik meestal aan me zelf +overgelaten. Om vier uur werd gegeten. Bij dezen maaltijd werd een +drank gebruikt, die naar zuur bier smaakte en in huis wordt bereid. Na +het eten maakten we samen eene wandeling of we roeiden op het meer. Wij +bleven dan uit tot middernacht, of nog later; waarom zouden we ook +eerder naar huis gaan, want donker werd het niet? Eens hebben we een +avond doorgebracht op een eiland. Op een vuur van gesprokkeld hout +maakten wij zelf ons avondeten klaar. Alle handen kregen wat te doen, +want er moest voor een groot gezelschap gezorgd worden. Na gedanen +arbeid mochten wij rusten. We gingen bij het vuur zitten en er werd +gepraat en gezongen; weer hoorde ik dezelfde melodieën, die op de +_Storfürsten_ zoo diepen indruk op mij gemaakt hadden. + +Op een anderen avond heb ik een boerenfamilie bezocht. We reden er +heen op een paar kleine karretjes met woeste paarden er voor; de weg +was slecht en bij gedeelten heel steil, zoodat ik er verbaasd over +was, dat we niet omrolden. Mijne vrienden echter vonden den weg nog +betrekkelijk goed: "buiten kan men geene betere wegen verwachten!" Ik +werd zeer hartelijk ontvangen op de boerderij, maar ik kon met niemand +praten. Later hoorde ik, dat de bewoners der hoeve zeer vooruitstrevend +zijn; twee zoons studeeren. + +Zooals de meeste finsche buitenhuizen, is het huis waar ik gelogeerd +heb, van hout; bijna alle kamers zijn gelijkvloers. Het ligt op een +heuvel en van uit de woonkamer heeft men een aardig uitzicht op den +tuin, het bosch en het meer. Die kamer is zeer eenvoudig ingericht +en wordt alleen voor de maaltijden gebruikt en als het regent. Bij +goed weer is men den geheelen dag buiten of op de galerij voor het +huis. Voor regendagen is er een welvoorziene boekenkast en vindt +men een paar gemakkelijke stoelen; ook de schommelstoel, die in het +noorden zooveel gebruikt wordt, is voorhanden. De buitendeur heeft +geen nachtslot, ook blinden ontbreken; de huissleutel hangt zelfs dag +en nacht aan een spijker buiten aan de deur; wel een bewijs, dat de +bewoners der dorpen te vertrouwen zijn. Men hoort slechts zeer zelden +van inbraak of diefstal, werd mij verteld. + +Het buiten leek mij een klein paradijs in de wildernis, geheel van +de buitenwereld afgesloten. Maar dat werd me met een spottenden +blik dadelijk tegengesproken; dat was echt midden-europeesch +gezegd. Afgezonderd leeft men volstrekt niet, zoo werd ik onderwezen, +als men twee maal per dag de boot ziet voorbij varen. En nu werd +me verteld van een plaats, waar men slechts eens per week de "post" +kon halen in een dorp, dat eerst na twee uur roeien te bereiken is. + +De dorpen in de buurt liggen in eene boschrijke, heuvelachtige en +waterrijke streek; daar, waar men de meren niet ziet, doet de natuur +heel even aan Zwitserland denken. De boerenwoningen zijn donkerrood +geverfd met witte raam- en deurkozijnen en gootlijst. Van binnen zijn +ze zeer eenvoudig ingericht en buitengewoon zindelijk. Een groot +gedeelte van het vertrek wordt door de steenen kachel ingenomen, +waarop verschillende zitplaatsen zijn aangebracht. De meubels +zijn eenvoudig en hebben geen bizonderen stijl; antieke stukken +komen zeer zelden voor, ik zelf heb er geen gezien. Bijna elk huis +heeft zijn weeftoestel, dat gedurende de lange winteravonden wordt +gebruikt. Nergens ontbreekt bij het huis de voorgeschreven brandladder +en de ton, die altijd met water gevuld moet zijn. + +De Finnen behooren tot een tak van het Mongoolsche ras, die de +Oeral-Altaïsche volksstam heet. Toen de Indo-Europeesche volken Europa +zijn binnengedrongen, begaf deze stam zich naar het noorden. Hun land +werd Suomi of Suomenmaa genoemd: het land der zeeën en moerassen. Die +naam is later door de Duitschers vertaald in "ven-land" (ven = moeras, +veen), wat later Finland werd. + +Het finsche ras is klein, slank en lenig. Het draagt min of meer de +kenmerken van de mongoolsche afstamming: de schuinstaande oogen, het +ronde hoofd, het lage voorhoofd, de hoekige jukbeenderen en de sterk +ontwikkelde onderkaak. De neus is meestal kort, de oogen liggen diep +in de kassen en zijn het meest expressieve gedeelte van het gelaat. De +kleur van het haar is meestal blond en de oogen blauw of grijs, maar +ook donkere typen zijn niet zeldzaam. In het westen, waar ook Zweden +wonen, is het finsche type verloren gegaan. De nationale kleederdracht +wordt niet veel meer gedragen; alleen Karelië, een provincie bij de +russische grens, maakt hierop eene uitzondering. De vrouwen dragen +meestal alleen den korten blauwen rok, de gekleurde schort, een linnen +blouse met gewerkte manchetten, boord en borststuk, en tot sieraad +de ronde finsche speld. De kleeding der mannen is nog minder in +'t oogvallend. + +De Finnen zijn geneigd tot droomen en dichten, zooals ik reeds +schreef. Waarschijnlijk brengt de natuur die hen omgeeft, hier veel +toe bij, want voor natuurschoon zijn zij zeer gevoelig. Reeds in +hunne oude volksliederen worden de natuurkrachten bezongen. Het +zijn droefgeestige balladen, even zwaarmoedig en geheimzinnig als +het landschap, wanneer het omgeven is van den nevel die opstijgt uit +de tallooze meren. Finland is rijk aan mondelinge overleveringen, de +Runen, in het finsch Runot, die vooral in Karelië voortleefden. Elias +Lönnrot heeft ze vereenigd tot een nationaal epos, dat hij het Kalevala +noemde. De hoofdinhoud er van is de strijd tusschen twee volken, de +Finnen (Kaleva) en de Lappen (Pohjola). De held is Wäinämöinen, de god +der zangers en tevens de personificatie der natuur. Hij begeleidt de +liederen, die hij zingend dicht, met de kantele, een soort van cither, +die men nu nog slechts zeer zelden bij de boeren aantreft. + +De taal is, zooals ik in het begin reeds opmerkte, bizonder +zoetvloeiend. Zij herinnert, wat klank aangaat, aan het italiaansch. Er +is niets van te begrijpen en sommige woorden zijn zoo lang dat +men ze niet kan uitspreken. Een zin wordt soms gevormd door één +woord, met behulp van allerlei voor- en achtervoegsels; er zijn er +veertien, die alle een verschillende verbuiging vragen. De u wordt +als oe uitgesproken, en de klemtoon valt altijd op den eersten +lettergreep. "Tule tanne" beteekent: kom hier; "pikku" is: klein; +"kulta poike" is: lieve jongen; "ei kytos" is: dank u zeer; "hyvästi" +is: goeden dag, "hyvää päivää" is: goeden avond. "Vastaanotettavaksenne +saapunut", wil zeggen: dit is uw vrachtbrief. Alle letters worden +afzonderlijk uitgesproken, ook dubbele klinkers en medeklinkers. De +meeste Finnen spreken ook zweedsch, vooral daar waar de Zweden de +overhand hebben. In de 18de eeuw behoorde het tot den goeden toon +om zweedsch te spreken. Daardoor zijn tal van woorden, vooral die, +welke uitvindingen van de laatste honderd jaar aanduiden, alleen in +de zweedsche taal bekend. Nu het Finsch meer in gebruik komt, worden +deze woorden "verfinscht". De finsche taal is rijk aan symbolen, +allegorieën en pleonasmen, waardoor zij reeds in het dagelijksch leven +poëtisch klinkt; ook de dikwijls voorkomende alliteratie draagt hiertoe +bij. Daarentegen komen rijmwoorden zelden voor en wordt de versvorm +bijna uitsluitend in de maat gevonden. Het herhalen van dezelfde +gedachte in opeenvolgende verzen en ook de rijke beeldspraak schijnt +te wijzen op den orientaalschen oorsprong van het Finsch. In de 12de +eeuw brachten de Zweden met het Christendom hunne taal in Finland, +waardoor het Finsch veel van zijn oorspronkelijkheid verloor. + +Reeds in 1175 kwamen de Finnen met de Zweden in aanraking. Koning Erik +de Heilige van Zweden zocht hen te onderwerpen en tot het Christendom +te bekeeren. Dit gelukte echter eerst in 1249 door Birger Jarl. Finland +werd toen een hertogdom en mocht sedert 1362 afgevaardigden zenden +naar Zweden, als daar een koning moest gekozen worden. Dikwijls +gebeurde het, dat een zweedsche prins Finland in leen kreeg. Gustaaf +Wasa maakte Finland protestant. Telkens hebben de Russen getracht +het land te veroveren, maar zij werden gewoonlijk door de vereenigde +Zweden en Finnen verslagen. Eerst na het verdrag van Tilsit, 1807, +werd de keizer van Rusland groothertog van Finland. Gustaaf IV Adolf +van Zweden, n.l. was de tegenstander van Napoleon. Deze wilde door +middel van Alexander I den koning van Zweden dwingen, toe te treden +tot het Continentale stelsel. Het plan mislukte en Alexander veroverde +Finland. Den elfden Februari 1809 beloofden de Finnen op den landdag te +Borgå trouw aan den Keizer van Rusland en deze beloofde de rechten en +wetten van Finland te eerbiedigen. Zijne navolgers hebben bij hunne +troonsbestijging deze belofte moeten herhalen. + +Na 1809 is de ontwikkeling van Finland met rassche schreden +vooruitgegaan en kwam er tevens eene beweging om het finsche element +krachtiger te doen worden dan het zweedsche. Snellmann, de professor +aan de universiteit, gaf hieraan den stoot en werd gevolgd door de +dichters Rüneberg, Topelius en Lönnrot. + +Het was Rüneberg, die het volkslied der Finnen maakte: + + + +Maa isänmaamme suomenmaa, +Sei sana kultainen! +Ei laaksoa, ei kukkulaa, +Ei vettä, rentaa rakkaampaa, +Kuin kotimaatää pohjainen +Maa kallis isien. + + + +On maamme köyhä, siksi jää +Jos kultaa kaipaa ken. +Sen kyllä vieras hylkäjää, +Mut nuillekallein maa ontää +Kauss' salojen ja saarien +Se meist on ultainen. + + + + +O, land, o vaderland, +Klink luid, gij dierbaar woord! +Geen berg, die zich naar den hemel verheft, +Geen dal, geen groene oever +Is meer geliefd, dan ons noorden, +Het land onzer vaderen. + + + +En hoe arm dit land ook is +Voor hem, die goud begeert, +Al gaat de vreemdeling trotsch ons voorbij, +Wij blijven aan ons land getrouw +Het is ons, met wat het ons geeft, +Meer waard dan goud. + + + +Om het gewicht van die finsche beweging te begrijpen, moet men weten, +dat het land in verschillende partijen verdeeld is. De zweedsche +partij vormen de Zweden, die sedert eeuwen in Finland gevestigd +zijn. Zij wonen aan de westkust en staan op goeden voet met de +Oud-Finnen. Deze doen alles om de finsche nationaliteit te bewaren, +maar zij verzetten zich niet noodeloos tegen Rusland. Dan is er +nog de Jong-finsche partij; deze wil Finland geheel op zich zelf +houden; daarom is zij èn tegen de zweedsche partij èn tegen Rusland, +en noemt de Oud-Finnen zeer conservatief. Maar het streven naar het +instandhouden der finsche taal gaat van beide finsche partijen uit. De +universiteit te Helsingfors werkt in die richting mede. + +Het opwekken van nationaal gevoel is begonnen, toen Rusland pogingen +aanwendde om Finland te russificeeren. Waarschijnlijk worden nu +twee vragen gedaan: wat is de reden dat Rusland aan Finland zijn +vrijheid wil ontnemen, en waarom heeft dat land er tegen russisch +te worden? Die vragen heb ik door verscheidene Finnen op de zelfde +manier hooren beantwoorden. De kwestie van russificatie, zeggen zij, +berust op jaloezie van den kant der Russen. Finland heeft zijn rechten +behouden, die het vroeger door Zweden gekregen heeft en heeft daardoor +meer vrijheid dan de Russen. Het heeft zich kunnen ontwikkelen en +geheel de zweedsche beschaving kunnen volgen. De Russen hebben geen +vrijheid, en al wilde de keizer ook toegeven, hij zou niet kunnen, +omdat de grootvorsten en de hofpartij het tegen zouden gaan. Deze +hebben, om de liberale stemmen in Rusland te smoren, den keizer +gedwongen strenger tegen Finland op te treden. + +En nu, waarom zou Finland niet gerussificeerd willen worden? Ten +eerste om zijne nationaliteit niet te verliezen, maar vooral ook, +omdat het Rusland ver vooruit is in beschaving. Wij zijn een oud +cultuurvolk, zeggen zij. De Russen hebben vele slechte eigenschappen +(o.a. het drinken van wotka-brandewijn) en die zouden spoedig door +de Finnen overgenomen kunnen worden, als zij in het russische leger +moesten dienen. Verder is er het verschil van ras en godsdienst. + +De zweedsche Finnen, die veel energieker zijn dan de eigenlijke Finnen, +zagen het eerst het gevaar waarin hun land verkeerde en zij begonnen +in de steden van het westen lezingen en vergaderingen te houden, +ten einde dit gevaar af te wenden. Dadelijk werden zij geholpen door +de Finnen, die in Helsingfors studeerden en, op het oogenblik is het +voornamelijk de finsche stam, die tracht de boeren in het oosten wakker +te schudden. Mannen zoowel als vrouwen (voornamelijk de studenten) +werken er op, het volk te laten voelen, welke waarde voor hen de +vrijheid heeft. Niet alleen in de steden, maar ook op het platte +land worden lezingen gehouden. Dit doen de studenten gedurende de +zomervacantie. Zij stellen zich tot doel het volk zooveel mogelijk te +ontwikkelen en het schijnt hen ook werkelijk te gelukken, de boeren +uit hun flegma op te heffen. Ook worden er volksfeesten gehouden, +waar ieder verzocht wordt in nationaal kostuum te verschijnen. De +studenten zijn in Finland zeer gezien; alles wat de studentenpet +draagt, wordt met zekeren eerbied behandeld. Het is een feest +voor geheel Helsingfors, als de pet wordt uitgereikt aan de nieuwe +studenten; dat gebeurt op 1 Mei; daarna begint de zomervacantie, die +tot September duurt. De nieuwe studenten, jongens zoowel als meisjes, +krijgen van elk hunner vrienden een bouquetje, dat zij op de borst +vast hechten en zoo, met bloemen behangen, nemen zij deel aan het bal, +dat te hunner eere wordt gegeven. + +Finland is een zeer democratisch land, er is geen adel en er bestaat +weinig verschil van stand. Tot de aristocratie behooren alleen enkele +zweedsche families en eenige Russen. De meisjes en jongens gaan samen +op de lagere school en blijven ook op lateren leeftijd als student +zeer vrij met elkaar omgaan. + +Dit alles was het, wat ik bij mijn eerste bezoek aan Finland opmerkte +en waardoor bij mij de lust werd opgewekt het land nog eens nader +als toerist te leeren kennen. + +Bij mijn tweede bezoek kwam ik in Helsingfors van uit Stockholm +over Åbo. + +Wederom brachten we, ditmaal drie personen, eenige dagen door onder +het gastvrije dak van vroeger. Hier kregen we allerlei inlichtingen +voor de reis, die we door Finland wilden ondernemen. Met goeden +moed om het onbekende land te zien, waar niemand ons zou verstaan, +verlieten wij onze vrienden, en den zelfden avond bereikten we +de Imatra. Aan het station wachtte ons een soort van omnibus; we +stapten er in met verscheidene andere menschen; hoe ze er uitzagen +konden we in de duisternis niet zien, hun taal niet verstaan en +intusschen kletterde de regen lustig op het gesloten zeildoek van +het rijtuig. Eensklaps werd mijne oplettendheid gaande gemaakt door +het bruisen van snelstroomend water, toen reden we een brug over en +zag ik, even tusschen de reten van het zeildoek door, een woesten +stroom die zijn smallen weg baant tusschen twee rotswanden. Eenige +oogenblikken daarna hielden we stil voor het hotel, een groot gebouw, +geheel naar moderne eischen ingericht. + +Toen ik den volgenden morgen de Imatra zag, kwam een gevoel van +teleurstelling bij mij op. Zóó had ik me dien beroemden waterval +niet voorgesteld en in geen geval zóó smal; men krijgt een gevoel +"er over heen te kunnen stappen", want door de diepe bedding lijkt +de kloof minder breed, al is zij toch nog een 45 meter; de Imatra +is eigenlijk geen waterval maar een stroomversnelling. Misschien +bracht ook het nevelachtige weer en het vroege morgenuur er toe bij +om den indruk minder grootsch te maken. Daarbij is de omgeving van +den stroom in de buurt van het hotel niet gunstig; alle groote boomen +zijn weggekapt en daarvoor is jong hout in de plaats gekomen. Van af +de brug is de indruk beter; daar ziet men welk een massa water er +in de nauwe gang geperst wordt; in woeste vaart spat het op tegen +de groote rotsblokken die het trachten te stuiten; de snelheid van +den stroom is duizelingwekkend. De Imatra is de afvoer naar het +Ladoga-meer, van het water der meren die te zamen het Saimagebied +vormen. Zij zijn verbonden door het Saima-kanaal, dat gegraven is +tusschen Villmannsstrand en Wiborg (1844). + +Om tien uur in den morgen zouden we uit Imatra vertrekken met den +eersten en laatsten trein, want na veel moeite werd het ons duidelijk +gemaakt dat er maar eens per dag gelegenheid is om van Imatra weg +te komen. De slechte communicaties maken het reizen in Finland zeer +moeilijk; en was het dat maar alleen; maar de spoorboekjes verschillen +soms zeer in de opgaven van vertrek en aankomst. Men weet nooit of +een trein ook een half uur eerder of later vertrekt en of er ook +eene verandering in de dienstregeling is gekomen, die niet op de +lijst van aankomst en vertrek der treinen is opgegeven. Dat alles +zou men nog wel gewaar worden, als men de taal van het land kende; +we konden ons slechts zeer gebrekkig verstaanbaar maken. Toevallig +kende iemand wel eens duitsch, of wel we bedienden ons van enkele +zweedsche uitdrukkingen, wat soms nog meer verwarring aanbracht, +omdat wij ook deze taal niet voldoende machtig waren. De trein, die +ons van Imatra naar Wuoxenissa zou voeren, liet ongeveer drie kwartier +wachten. Gelukkig kwamen we nog juist bij tijds aan, om vandaar de +boot naar Villmannsstrand te kunnen nemen. Als het niet zoo koud en +stormachtig was geweest, hadden we zeker van den boottocht genoten. Ook +de koude heeft er het hare toe bijgebracht, dat Villmannsstrand, +eene badplaats, ons niet kon bekoren. Die koude in Finland was iets +zeer bizonders, gewoonlijk zijn de zomers er zeer warm, hoewel de +temperatuur des nachts sterk afkoelt. Van verscheidene kanten hoorde +ik, dat men bang was voor een slechten oogst, als de koude bleef +aanhouden. Van Villmannsstrand gingen we per boot naar Punkaharju, +de plaats die de Finnen als een van de mooiste plekjes van hun land +aanduiden en waar tal van Russen den zomer doorbrengen. Om tijd te +winnen reisden we ook nu weer des nachts; als men per boot gaat heeft +dit weinig bezwaren. Alleen is het zeer onaangenaam om 's morgens +vroeg van boot te moeten verwisselen, of op een nog nachtelijk uur +op de plaats der bestemming aan te komen, zooals ditmaal het geval +was. Om vijf uur moesten we te Nyslott aan wal, om daar tot negen uur +op eene boot te wachten. 't Was al weer erg koud, maar de zon scheen +lekker. Gelukkig zijn de Finnen goed te vertrouwen, want, daar er +bij de landingsplaats der booten niets was dat op een bagage-bureau +leek, besloten we, onze bagage maar bij een bank neer te zetten en +vervolgens de stad in te gaan. Bij onze terugkomst bevonden we, dat +alles er nog lag en dat ook nog iemand anders er zijne reistasschen +had bijgevoegd. Nyslott heeft een vriendelijker aanzien dan de andere +finsche steden; het heeft niet het sombere en verlatene van Åbo, +van Wiborg en Villmannsstrand. Er is een oud slot, dat van binnen +nog al merkwaardig zijn moet; maar zoo vroeg in de morgen kon men +zich geen toegang verschaffen. + +Naar Punkaharju bracht ons binnen weinig uren een bootje, waarop +verscheidene passagiers waren, die we al eerder hadden ontmoet, +o.a. eene finsche dame met twee dochtertjes. Toevallig raakten we +met haar in gesprek en zij deden ons de vraag, die mij vroeger al +zoo dikwijls door Finnen werd gedaan, of wij Prof. van der Vlugt uit +Leiden ook persoonlijk kenden. Zij vertelde ons hoe haar dochtertje +hem in 1900 een bouquet had aangeboden en hoe zij tot dank daarvoor +van hem een kus kreeg. "Dat noemen wij nu den historischen kus van +Prof. van der Vlugt," voegde zij er bij. + +Was de Imatra me tegengevallen, Punkaharju zeker niet. Ik had er echter +langer moeten blijven, om er ten volle van te kunnen genieten. Groote +wandelingen zoekt men er te vergeefs, telkens stuit men op water. Maar +roeien en zeilen kan men er des te meer, en er zijn een menigte van +mooie plekjes, waar men van onder de boomen een ver uitzicht heeft +over de watervlakte met hare tallooze eilandjes. + +Van Punkaharju af volgde een reis van acht uur rijden. In het hotel +hadden we zoo goed het kon alles over de rijtuigen, de koetsiers en +den prijs afgesproken. Wij zouden met de post reizen, de prijs was 8 +cent per kilometer, niet te veel naar ons voorkwam. Van het oogenblik +af, dat we in de wagentjes waren gaan zitten, konden we geen woord +meer tegen de voerlieden zeggen, omdat zij eenvoudige boertjes waren, +die niet anders dan Finsch spraken. Daar zaten we nu, wetend, dat we +om vijf uur te Elisenwaara zijn moesten, om den eenigen trein naar +Sortavala te halen. We vertrouwden maar op ons geluk, verder viel er +ook niets te doen, dan te zorgen, dat men zoo min mogelijk schokte in +den wagen, want de weg was slecht en de voertuigen niet de beste. 't +Was alweer koud, maar gelukkig niet regenachtig. De paardjes liepen +onvermoeid door en we hadden alle hoop op een goede reis. Bij een +veer kwam de eerste moeilijkheid: we moesten betalen. Gelukkig is +de gebarentaal overal dezelfde en hebben de Finnen nog niet geleerd +vreemdelingen te exploiteeren; ze gaven ons dus netjes ons geld terug, +toen het bleek dat we te veel betalen wilden. + +Gedurende de reis moesten we vijf keer van paarden en koetsier +verwisselen. Meestal kregen we vader en zoon mee, en nu was het +opmerkelijk dat de weg en de wagens hoe langer hoe slechter werden +en de zoons hoe langer hoe jonger. Het laatste koetsiertje was +zeker niet ouder dan acht jaar. Hij was een alleraardigst ventje, +dat altijd door wilde praten en erg verbaasd was, dat we hem niet +verstonden. Tegelijkertijd lette hij goed op zijn paard en was +bizonder tevreden over zichzelf, toen hij den vader een heel eind +vooruit was. Hij zat op een laag bankje voor ons, maar was zoo klein, +dat hij er telkens afzakte. Eindelijk heb ik onzen koetsier maar op +schoot genomen. + +'t Ging als van een leien dakje tot het laatste station. Toen was er +geen paard te krijgen. We konden niets zeggen of vragen, en als we +boos keken, lachten de boeren ons vriendelijk toe. De boerin vroeg +ons zelfs binnen te gaan en deed al het mogelijke om ons goed te +ontvangen. Na eenigen tijd van ongeduldig wachten hoorde ik het woord +"tule". "Nu komt het paard", zeide ik, want "tule tanne" beteekent +"kom hier". En ik had gelijk: daar kwam het aan. Tot aandenken wilde +ik de familie photographeeren. Dit was het eenige woord, dat ze van +ons begrepen. Nauwelijks had ik "photographie" gezegd, of het heele +huishouden kwam aanloopen, ook de grootvader, die zeker nog nooit +gephotographeerd was. + +Te goeder ure kwamen we in Elisenwaara. De weg, dien we gereden +hadden, was slechts bij gedeelten mooi, want witte berken vervelen +op den duur, als ze door geen ander hout worden afgewisseld en een +meer met dennen er om heen verliest zijn bekoorlijkheid, als twee uur +lang geen verandering in het landschap komt. Nog eens, Finland is geen +land voor toeristen, maar een land om op één plaats stil te blijven; +het is een land om te rusten en te droomen. + +De trein bracht ons naar Sortavala, eene stad die op 't eerste +gezicht niet aanlokkelijk scheen en ook in werkelijkheid niet anders +is dan een kleine, vervelende provinciestad, aan een groot meer, het +Ladoga-meer. In verband met het vervolg van onze reis moesten we den +geheelen Zaterdag daar doorbrengen. Van geen enkele finsche stad, +behalve Helsingfors, heb ik een indruk van levendigheid gekregen, +maar Sortavala was het ergst van alle. In de hoofdstraat was niemand +te zien en de verlatenheid kwam nog sterker uit doordat de straat, +evenals alle finsche en russische straten, buitengewoon breed is. De +huizen zijn in de breedte gebouwd en meestal maar van één verdieping, +de voordeur is niet te zien, zij ligt achter de houten schutting, +die den tuin omgeeft en waar men door een overdekt hek binnenkomt. Aan +alles merkt men, dat de Finnen in huis leven, waarvan waarschijnlijk +de lange winters de naaste oorzaak zijn. Maar hoe vervelend Sortavala +ook is, het heeft een museum van finsche kunstnijverheid, dat zeer +de moeite waard is, gezien te worden en een schoolgebouw zoo groot +en goed ingericht, dat menige stad bij ons er een voorbeeld aan zou +kunnen nemen. + +Na Sortavala bezochten we Walamo; zoo heet een eilanden-groep in het +Ladoga-meer. Sedert het jaar 992 is er een klooster op Walamo, door +russische monniken bewoond. Het werd gesticht door twee priesters +van den berg Athos, German en Sergej, die, volgens de legende op een +molensteen naar het eiland kwamen drijven; zij vonden het bevolkt met +geheimzinnige wezens, die door hen werden verdreven. Er zijn weinig +berichten over de eerste tien eeuwen, gedurende welke het klooster +bestond. Men kan echter aannemen, dat het toen nog niet streng +georganiseerd was en voornamelijk diende als toevluchtsoord voor +kluizenaars. Later hebben de monniken getracht den grieksch-orthodoxen +godsdienst te verbreiden. Hun bekeeringswerk begon in Karelië in het +jaar 1227. In 1350 beproefde de zweedsche koning Magnus Erikson Walamo +te veroveren, maar door de gebeden der monniken verging de vloot en +alleen de koning wist zich te redden. Hij werd in de kloosterorde +opgenomen, maar stierf kort daarna. + +Het nieuwe Walamo met zijne groote gebouwen en rijke kerken dateert +van 1842 en is gesticht door den Ignumen Damaskin, die toen aan het +hoofd van het klooster stond. Hij liet de oude kerken afbreken en er +nieuwe voor in de plaats zetten. De monniken kregen een beter woonhuis +en er werd een "hotel" gebouwd om de pelgrims te herbergen. + +Na langdurig informeeren gelukte het ons te weten te komen wanneer de +boot, die tot het klooster behoort en onder directie der priesters +staat, van Sortavala naar Walamo zou vertrekken. Men raadde ons +echter aan, eenige dagen te wachten op de finsche boot, omdat deze +meer comfort biedt. 't Was echter juist ons plan den Zondag op Walamo +door te brengen; wij konden dan aan een pelgrimstocht deelnemen en +zoodoende verscheidene heilige eilanden in de buurt bezoeken. + +De _Walaam_, het priesterschip, waarop we dus terecht kwamen, was +alles behalve geriefelijk en daarbij in 't oogvallend vuil. Het +eten was er ook niet best en het was moeilijk om de stewardes, +die tevens als kellner fungeerde, te beduiden wat we wilden +eten; het ging al even weinig gemakkelijk haar aan 't verstand +te brengen dat we drie slaapplaatsen noodig hadden. Om haar aan +te roepen wisten we niet anders te doen dan het woord "baboushka" +te gebruiken, d.i. grootmoeder. Neen, men had ons niet voor niets +tegen de _Walaam_ gewaarschuwd. Ook ons reukorgaan werd in 't begin +onaangenaam geprikkeld door de lucht van juchtleeren vetlaarzen, +die alle Russen dragen, en waarmee de boot als 't ware doortrokken was. + +In den avond bezocht ik het ruim, waar de bedevaartgangers een +plaats hadden gevonden. Verbaasd bleef ik bij den ingang staan; +wat was dat voor een bonte opeen gehoopte menschenmassa in een +onverdragelijk warme atmosfeer! Daar zaten zij, dom, genoegelijk, met +een passieve uitdrukking op het gelaat, enkelen waren neergehurkt op +den grond, anderen zaten op hun bagage. Wat me dadelijk opviel was de +geëmailleerde theepot, die in geen van de groepen ontbrak. De russische +moeijik neemt dit artikel altijd mee op reis en aan alle stations kan +hij voor niets kokend water nemen uit een groot reservoir. Ook hier, +op deze boot, was die inrichting voorhanden. Tusschen al die menschen, +zoo verschillend van ons westersch ras, bewogen zich de priesters. Zij +waren te herkennen aan hun lange haren, die bij sommigen tot aan hun +middel reikten, aan de hooge priestermuts en de lange jas met een band +om het middel vastgehouden, afhangend tot halfweg de hooge laarzen. + +Reeds vroeg in den morgen bracht de "baboushka" ons het ontbijt, +dank zij een vriendelijke dame uit Kuopio (Finland), die met de +russische taal bekend was. Zij bood zich ook aan om als tolk te dienen +op Walamo, en zonder haar hulp zou de dag niet half zoo interessant +geweest zijn. Vóór de hoogmis kwamen we daar aan, nadat we al langs +verscheidene eilanden gevaren waren, waar hier en daar een kapel +haar koepel tusschen de dennen verheft. We liepen met den stroom der +pelgrims mee en kwamen zoo binnen de kloostermuren. Eigenlijk had +ik verwacht, dat er nog wel wat van het vroegere klooster of van de +oude kerk over zou zijn, maar dat is het geval niet; de gebouwen op +Walamo zijn banaal-nieuw. + +De hoofdkerk, die we binnen traden om de mis bij te wonen, is +overweldigend door haar groote afmetingen en het decor van goud. + +En nu een enkel woord over de russische kerken in 't algemeen. Haar +plattegrond heeft den vorm van het grieksche kruis. Boven het +midden-vierkant is een groote koepel en op elke der vier kruisarmen +staan kleinere, die evenals de groote koepel gekleurd of van +koper zijn. De absis wordt ingenomen door het "Allerheiligste" en +afgesloten door den "iconostas", die op Walamo bizonder rijk versierd +is. De iconostas is een wand met drie deuren, waarvan de middelste de +"heilige deur" is. Geen vrouw mag achter den iconostas komen. Tijdens +de mis wordt de heilige deur geopend, en ziet men het altaar. + +Beelden komen in de russische kerk niet voor; dat verbiedt de +ritus. Wel treft men er geschilderde afbeeldingen aan, die alle volgens +een vast type zijn gemaakt. De madonna met het Christuskind ziet men +in alle kerken steeds op de zelfde wijze voorgesteld. + +De gemeente staat gedurende de godsdienstoefening, (er zijn +zelfs geen banken in de kerk); zij stemt niet in met het koor der +geestelijken. Men wordt getroffen door den vollen toon der stemmen, +die door de gewelven dreunt of die, zacht-mystiek, even de woorden +van hem, die de mis leest, accentueert. Een orgel is in de russische +kerk niet aanwezig. De liturgie neemt een groot gedeelte van de +godsdienstoefening in beslag. Gepreekt wordt er niet, slechts enkele +bijbelteksten leest de priester aan de gemeente voor. Na de mis houdt +hij een kruisbeeld op, dat door de vrome aanwezigen, die in file +langs hem gaan, wordt gekust. Op Walamo zagen wij ook vele pelgrims, +na elkaar, dezelfde glasruit waaronder relequien bewaard werden, +met de lippen aanraken. Geruimen tijd lagen geloovigen gedurende +de mis op den grond, met het voorhoofd den steenen vloer aanrakend; +voor een Rus evenwel is dit niets bizonders. + +Na de mis trachtte onze vriendelijke tolk uit Kuopio te weten te komen, +wanneer de pelgrimstocht naar de eilanden zou plaats hebben. "Als +het middagmaal afgeloopen is", antwoordde de priester tot wien zij +zich gewend had. Deze monnik, die wat Duitsch kende, stelde zich +beschikbaar om ons de naaste omgeving van het klooster te laten +zien. Hij vertelde ons allerlei dingen betreffende Walamo. Er wordt +hard gewerkt, want het klooster voorziet in zijn eigen behoeften door +den landbouw. Ook allerlei andere handwerken oefenen de monniken +uit. Wetenschappelijk werk wordt niet noodig geoordeeld; zij staan +geheel buiten de maatschappij. De hoogere geestelijken lezen de +couranten en vertellen enkele gebeurtenissen, die zij wetenswaardig +vinden, aan de overige monniken. Andere dan geestelijke boeken zijn +in het klooster niet aanwezig. De bevolking telt ongeveer duizend +bewoners. Boter en vleesch wordt door de broeders niet gegeten. Omdat +de kloosterorde zeer streng is, sturen de Russen er dikwijls voor +eenigen tijd jongens heen, die tehuis moeilijk zijn op te voeden. + +Intusschen was de tijd gekomen voor het middagmaal, dat kosteloos +wordt aangeboden aan ieder die het eiland bezoekt. Ik werd geleid +naar de eetzaal voor de vrouwelijke pelgrims. Ieder had een bord met +een snee brood en een houten lepel. Niet ieder kreeg een servet, maar +daarvoor diende één lange lap voor een groep van menschen. In de 12de +en de 13de eeuw was dat overal de gewoonte; heel eigenaardig, dat dit +gebruik hier zoolang in stand is gebleven. Voor elke vier personen +stond er een groote tinnen bak klaar, met gehakte wortels, erwten, +rijst, zoute visch en biet. Dit mengelmoes werd op het bord vermengd +met een vloeistof uit een anderen tinnen bak,--zuur bier, de russische +kwash. Ze aten er allen smakelijk van: het is de nationale spijs. Wat +op de borden overbleef ging weer in den grooten pot. Voor ons was +dit eten nog al vreemd, de smaak onbeschrijfelijk. Na den eersten +hap was het me onmogelijk een tweeden te nemen, en hoe hongerig ik +me ook voelde, ik had geen lust het verdere menu af te werken. Toen +de priester, die door de zaal liep en gebeden voorlas, mij den rug +had toegekeerd, was ik, en nog een paar andere vreemdelingen met mij, +zoo vrij uit de bank te stappen en de eetzaal te verlaten. Ik hoorde +later dat de mannen hetzelfde eten hadden gekregen. Iemand, moediger +dan ik, had drie gerechten getrotseerd; na het eerste kwam een vrij +eetbare soep en dan, als derde gerecht alweer een soep, getrokken +van visch, met macaroni. De mannen aten met hun vieren uit één bak; +dat gebeurt bij de russische soldaten ook. + +Is het klooster en zijne onmiddellijke omgeving weinig pitoresk, de +eilanden vergoeden in dit opzicht alles; ze zijn bizonder aantrekkelijk +met hunne prachtige dennenbosschen, waarin diepe rust heerscht. Zoo nu +en dan ziet men een konijntje of ander wild, dat nieuwsgierig rondkijkt +en in 't geheel niet schuw schijnt te zijn. Er wordt zelfs verteld, dat +de herten en reeën naar de menschen toekomen. De kloosterwet verbiedt +de jacht, zoodat de dieren nooit gestoord of verschrikt worden. + +De bedevaart werd per boot gemaakt. De kleine stoomboot, met monniken +bemand en waarop ook wij een plaatsje hadden veroverd, trok drie groote +schuiten, waarin de pelgrims zaten. Bij verscheidene eilanden, waarop +kapellen waren, legden we aan. Voor deze kapellen werd de mis gelezen +en daarna bezochten we de hutten, waar heiligen in gewoond hebben. Op +de boot teruggekeerd, verhieven de priesters een veelstemmig kerklied, +dat plechtig klonk over de watervlakte. Gaarne had ik eens met hen +gepraat, maar geen van allen sprak eene mij bekende taal. Zoo kon ik +hen ook alleen door gebaren vragen, of ik hen fotografeeren mocht, +hetgeen zij me dadelijk toestonden. + +Tegen den avond vertrok de _Walaam_, om koers te zetten naar +Petersburg. Vóór het vertrek werd er nog een mis bediend en lieten +velen zich afzonderlijk door de priesters zegenen. Tijdens het +weggaan maakten de pelgrims verscheidene malen het kruisteeken en +herhaalden dat telkens als wij een kapel voorbij voeren. De vaart +op het Ladoga-meer was weinig afwisselend, want het watervlak is zoo +groot, dat men de oevers niet duidelijk kan zien, en scheepvaart is +er bijna niet. Interessant was het echter de bedevaartgangers in hun +doen en laten gade te slaan. Zij bleven nu niet meer in het ruim, +maar besloegen het geheele schip, overal zag men groepjes menschen +bij elkaar zitten. Dikwijls werden we aangekeken, als wilden zij +vragen wat die vreemdelingen wel bij hen zochten. + +Bijna ongemerkt vernauwt zich het Ladoga-meer, totdat het eindelijk +eene rivier is geworden, de Newa. Eenigen tijd voor we aanlandden, +kwamen we Schlüsselburg voorbij, de beruchte en geheimzinnige +vesting-gevangenis, die nu naar men zegt is opgeheven. + +Te St. Petersburg aangekomen, mochten we de _Walaam_ niet verlaten, +voor wij onzen pas terug hadden gekregen. Nu werd onze bagage +gevisiteerd. Alles moest uitgepakt worden, alle doozen moesten we +openmaken, elk boek werd geinspecteerd. Thackeray wekte wantrouwen +op, maar werd na eenig onderhandelen teruggegeven. De doosjes met +films schenen ook verdacht, en het ging niet gemakkelijk om uit te +leggen, dat zij bij het fotografie-toestel hoorden. Niettegenstaande +hun drukke werkzaamheden waren de grenswachters bizonder beleefd en +hielpen overal de koffers en kisten weer dicht maken. + +Met eenige moeite gelukte het ons een paar rijtuigjes te bemachtigen, +en na een "pantomime" gevoerd te hebben over den prijs, zeide de +koetsier: da, da (ja) en klom op den bok. Zoo waren we van het rustige +Walamo verplaatst in de drukke hoofdstad van het Tsarenrijk. + + +_Zutphen_, Febr. 1906. + + + + + + + +AANTEEKENINGEN + +[1] Storfürsten is een Zweedsch woord en beteekent grootvorst. "Stor" +is ons "stoer"; de o wordt als oe uitgesproken. + +[2] Baccalaureat is het eindexamen van het gymnasium. + +[3] Kort geleden verzocht ik, dat men mij uit Helsingfors eene +photographie van Sveåborg te sturen, maar ik kreeg ten antwoord dat +er geen van het fort bestaat. + +[4] Schumann was de moordenaar van Bobrikof. + +[5] In Finland wordt het eten op zweedsche manier bereid. + +[6] Smörgos is een zeer uitgebreid hors d'oeuvre. + +[7] Knäckebröd is hard, bruin brood van ongerezen meel gemaakt, +en het best te vergelijken met het joden-paaschbrood. + + + + +Van het grieksche koningshuis. + + +Toen een plechtige deputatie verleden jaar naar Noorwegen kwam, +om aan den kleinzoon van den onlangs overleden koning Christiaan IX +de koningskroon van Noorwegen aan te bieden, die door Karel, tweeden +zoon van den kroonprins gracelijk werd aanvaard, toen moet bij velen +de herinnering zijn gewekt aan een dergelijk voorval, dat van groote +beteekenis is gebleken. + +Twee-en-veertig jaar vroeger toch werd een grieksche deputatie +door den deenschen koning Frederik VII op 25 April 1863 ontvangen, +een gezantschap, dat naar de stad aan de Sont was gesneld om den +toenmaligen kroonprins Wilhelm van Denemarken de grieksche koningskroon +aan te bieden. + +Maar veel, veel grooter moeilijkheden wachtten den toenmaals +achttienjarigen Wilhelm, die als koning den naam van George I aannam, +dan Karel, die zich den koningsnaam Haakon VII zag verleend, in +Noorwegen vond. Hij toch, George, kwam in een land, welks taal en zeden +hem onbekend waren, heerscher zou hij zijn over een volk, waarop de +spreuk van den oud-egyptischen priester nog altijd van toepassing is: +"Gij, Hellenen, blijft eeuwig kinderen, jong en onervaren zijt ge, +en ge hebt geen kennis of ervaring in den loop der jaren opgedaan". + +Alle schrikbeelden der meest woeste anarchie hadden na de +onttroning van koning Otto den rustigen en kalmen gang van zaken +verstoord. Daarbij kwam een vernielend, op de spits gedreven woeden +der partijen, dat zich in alle hoeken van het land openbaarde en +onuitroeibaar scheen. En het grieksche volk bevond zich toentertijd +nog op een betrekkelijk lagen trap van beschaving. + +Er waren immers pas dertig jaren verloopen, sedert de beiersche majoor +Von Predl van het eerste in een moskee te Nauplia gegeven hofbal de +volgende schildering had ontworpen: "Een mislukte fanfare begroette +het verschijnen van den door jongelingen in schitterend witte gewaden +omstuwden koning. Toen de aanwezige heeren uitgenoodigd werden, de +toen zelfs in de kerk altijd op het hoofd gehouden fez af te zetten, +gaven de meesten er de voorkeur aan, zich met booze gezichten +te verwijderen. De dames zaten in een dichte groep bij elkaâr, +ineengedoken op de stoelen, met de knieën tot de kin opgetrokken. Zij +steunden op de handen een hoofd met een ongehoorde massa zwart haar, +dat niet sierlijk was om aan te zien, en stopten zich den mond +voortdurend vol zoetigheden". + +Niettegenstaande dien weinig gekuischten vorm van optreden, waaraan +het volk gewend was, wist de jonge koning der Hellenen het met hen +te vinden, werkte zich meer en meer in zijn moeilijke plichten in +en maakte zich vertrouwd met de meest gecompliceerde verhoudingen, +zoodat het schip van staat gelukkig voorbij een aantal met vernieling +dreigende klippen werd gevoerd. + +Dat er inderdaad veel van die klippen waren, blijkt uit een terugblik +op de voornaamste gebeurtenissen van de grieksche geschiedenis in de +afgeloopen vier tientallen van jaren. + +Op de in Mei 1864 voltrokken vereeniging van de Jonische eilanden +met het moederland volgde twee jaren later de opstand op Kreta, +die Griekenland voor de ergste verwikkelingen stelde. Eerst in 1881 +zag de koning, die de nationale wenschen steeds met liefde en juist +begrip kon navoelen en er zooveel mogelijk aan tegemoet kwam, de op de +aanhechting van Thessalië en Epirus aan Griekenland gerichte hoop van +zijn volk in zoo ver verwezenlijkt, dat Griekenland een vergrooting +van grondgebied erlangde van 13369 KM2 met 300.000 inwoners. + +Maar het jaar 1886 bracht de blokkade der grieksche havens door +de vlooten der groote mogendheden. Het jaar 1893 moet met zijn +staatsbankroet dan verder als een zeer noodlottig jaar worden +aangewezen en het jaar 1897 leidde tot de oorlogstoestanden, die +begonnen met de bezetting van Kreta door grieksche troepen. De +gebeurtenissen voerden, zooals nog allen versch in het geheugen +ligt, tot de benoeming van prins George tot hoogen commissaris der +mogendheden op Kreta en tot instelling der internationale financiëele +contrôle ter bescherming van de bezitters van grieksche staatspapieren. + +Men kan van den koning der Hellenen niet anders getuigen, dan dat hij +gedurende zijn aan zooveel gebeurtenissen rijk bestuur veel overleg +en veel diplomatiek talent heeft aan den dag gelegd. De zaak van +het hellenisme heeft echter het allermeest geprofiteerd door zijn +jaarlijks gehouden groote reizen naar de europeesche hoven, die hem +in persoonlijke aanraking brachten met de leidende ministers, en die +door bloedverwantschap met zooveel vorstelijke personen een beslist +vriendschappelijk karakter hadden. + +Er is wel eens wat gebeurd, wat niet had moeten geschieden, maar +dat was het gevolg van het gebrekkige inzicht, dat het altijd nog +oppermachtige partijbelang achterstaan moest bij de zaak van het +algemeen belang. + +De grootsche ontwikkeling, die het land op de meest uiteenloopende +gebieden heeft verkregen, is voor een zeer groot deel verdienste van +den koning. Zoo heeft hij, met onbuigbare wilskracht, onafgebroken +gewerkt voor de verheffing van den verwaarloosden landbouw, van +het schoolwezen, de kunstbeoefening en de wetenschap. Voor dien +verrassenden vooruitgang van het land pleit ook de omstandigheid, +dat, terwijl de eerste in Griekenland aanwezige straatweg tusschen +Athene en den Piraeus in de jaren tusschen 1830 en 1840 van de +vorige eeuw door beiersche soldaten was aangelegd, tegenwoordig de +voornaamste plaatsen van eenige beteekenis in Griekenland door een +flink spoorwegnet aan elkaâr zijn verbonden. De lijn, door de fransche +Batignolle-maatschappij in aanleg genomen tusschen Athene en Larissa +nadert mede haar voltooiing. + +Koning George behoort ongetwijfeld tot de vlijtige vorsten van +Europa. Nadat hij tot laat in den nacht aan zijn schrijftafel heeft +gezeten, staat hij 's winters en 's zomers den volgenden morgen om +zeven uur op. Bij audiënties legt hij een groote levendigheid aan den +dag en is in het uitspreken van zijn oordeel bijzonder openhartig, +terwijl zijn meening altijd doordringt tot de kern der zaak. Zijne +tot in de kleinste kleinigheden voldoende kennis van zaken is +verwonderlijk. Dikwijls glijdt in den loop van het gesprek een hem +eigen ironisch, maar toegefelijk lachje over zijn gezicht. + +Bij plezierritten op zijn mooien, zilverkleurigen schimmel beantwoordt +hij de groeten ook van de eenvoudigste menschen met aantrekkelijke +vriendelijkheid. Een aanslag op zijn leven heeft niet ontbroken +onder zijn ervaringen, en van grooten persoonlijken moed getuigde +toen zijn mannelijk optreden, toen hij in het rijtuig zijn dochter +met zijn eigen lichaam tegen de kogels trachtte te beschermen. + +Er was een eigenaardig piëteitsgevoel in de gewoonte van den koning, +om op den verjaardag van wijlen zijn vader, koning Christiaan IX van +Denemarken alle in Athene wonende Denen op een maaltijd ten paleize +uit te noodigen. + +Sedert het jaar 1867 is koning George getrouwd met de russische +grootvorstin Olga, die zeer godsdienstig is en opgaat in de talrijke, +door haar in het leven geroepen en steeds met ruime hand onderhouden +instellingen van weldadigheid. De troonopvolger Constantijn, die een +voortreffelijk duitsche opvoeding heeft genoten van den tegenwoordigen +consul-generaal Dr. Lüders, wijdt zich met geheel zijn ziel aan +zijn groote en moeilijke taak, de reorganisatie van het leger naar +duitsch model. + +Zijn voortreffelijk karakter, zijn ridderlijk wezen en zijn +vriendelijke aard hebben hem in de harten van het grieksche volk een +groote plaats doen innemen. Ook de kroonprinses, de zuster van den +duitschen keizer, is buitengewoon populair. Het kroonprinselijk paar +woont met de vier kinderen, van wie de oudste prins in aard veel op +den duitschen keizer moet gelijken, in zijn marmeren slot, gelegen +aan den Slissos. De tweede zoon van den koning, prins George, is +regeeringscommissaris op Kreta en heeft nog niet zijn vurig verlangen +tot vereeniging van Kreta met Griekenland vervuld mogen zien. + +De met grootvorstin Helene van Rusland getrouwde prins Nicolaas +schrijft als overste veel over de krijgskunde, zijn vak bij +uitnemendheid. Hij is overste bij een artillerieregement en heeft veel +geschriften van duitsche militaire schrijvers in het Nieuw-Grieksch +vertaald. + +Prins Andreas, de vierde zoon, is met prinses Alice van Battenberg +getrouwd, en prins Christophorus is pas negentien. Van de beide +dochters van het koninklijke paar is de met grootvorst Constantijn +getrouwde prinses Alexandra vroeg gestorven, terwijl prinses Marie +met grootvorst George getrouwd is. + +In het begin van het jaar spreidt het hof in Griekenland veel pracht +en staatsie ten toon. In het koninklijk paleis hebben dan hofbals +plaats, die met grooten luister zijn omgeven. Ook de viering van +den Nieuwjaarsdag heeft met bij zonder veel glans plaats, en de +gezamenlijke koninklijke familie hoort dan in de metropolitaankerk +de mis. Er is daarbij altijd een eigenaardige gehechtheid aan de +traditie als er een wijding plaats heeft in de open lucht, en de +geestelijkheid zich vertoont in van goud schitterende gewaden. + +Om een goede voorstelling te krijgen van Athene's wondersnelle +ontwikkeling onder koning George, moet men zich herinneren, dat de +oude Muzenstad Athene nog in de eerste jaren der vorige eeuw niet +veel meer was dan een puinhoop, waarop hier en daar een cypres en +een palm verrezen, een aanblik die een droevigen indruk maakte. + +De huizenzee, die zich daar nu verheft, schittert in de zon, en de +stad met meer dan 130.000 inwoners kijkt uit over hoogten en laagten +met den Piraeus als bloeiende havenstad van 50.000 inwoners. + +Het somberste gedeelte van deze stad vol marmeren gebouwen van +oogverblindende pracht is de psyri, waar de vrouwen den heelen dag +op de velden eetbare kruiden zoeken tot voedsel voor haar gezinnen, +waar de knapen voor een vergoeding in eens van 300 tot 500 drachmen, +het latere uitzet hunner zusters, in dienst treden bij een ondernemer, +terwijl de mannen dikwijls onder het mes van een zoogenaamden vriend +in de eene of andere spelonk den dood vinden. In dat donkere Athene +blijven der politie nog veel geheimen ononthuld. In die psyri woont +ook het meerendeel der ongeveer 300 zielen tellende joodsche gemeente +van Athene, in wier synagoge de godsdienst in het Hebreeuwsch wordt +gehouden, terwijl de joden thuis en bij hun handel Spaansch spreken. + +Van de Atheensche bouwresten, die aan de donkerste periode in +Griekenlands geschiedenis herinneren, toen de vlag van den profeet +gebiedend over de onderworpen stad waaide, is de laatste moskee het +interessantst. + +Voor dat gebouw gebruikte in het jaar 1750 de toenmalige woiwode +van Athene een der korintische reuzenzuilen van het Olympieion, +den geweldigen, door Hadrianus opgerichten tempel. Volgens een +veelzeggende overlevering klaagden de overige zuilen 's nachts zoo +lang om de geroofde zuster, tot de woiwode, die gewaagd had, haar +aan te raken en mee te voeren, voor de losgebarsten volkswoede moest +vluchten. Verder zijn er overblijfselen te vinden van het paleis van +den woiwode, dat zich binnen de muren van het gymnasium of renperk +van Hadrianus breed en forsch verhief, en een turksch bedehuis heeft +zijn metamorphose moeten beleven in een katholieke kerk, die ligt +aan de ontgraven ruïnen der romeinsche markt. + +De stad en de Attische vlakte worden, om zoo te zeggen, door de +Acropolis beheerscht en geadeld, door dien burcht, waar de adem van +grootsche herinneringen en verheven zwaarmoedigheid overheen zweeft, +en waar de schoonheid op haar snellen, vluchtigen gang door de tijden +en de volken zich voor een poos neergelaten heeft. + +Het meest onweerstaanbaar openbaart zich de bekoring van den Acropolis, +als de vlammende verlichting van een griekschen zonsondergang zee en +hemel met een tooverachtig kleurenspel gloeiend overdekt, terwijl +de stad met haar kerken en torens in dien magischen gloed van de +dalende zon ligt, en over de attische vlakte en de bergen de bontste +kleuren sidderen, of als het droomerig zilveren licht der maan over +de uitgebreide, witte ruïnenwereld wordt uitgegoten en haar hallen +vervult met den wonderbaarlijksten glans. Als geen geluid de heilige +stilte verbreekt dan de klacht van den nachtwind, die nu en dan met +kleine huiveringen over de gevels van 't verwoeste huis van Pallas +Athene strijkt. + +Als doel van pelgrimstochten voor archaeologen uit alle deelen der +wereld werd deze verheven rots reeds dikwijls uitgekozen, maar in de +lente van het vorige jaar was zij dat voor allen samen, toen in het +Parthenon de eerste internationale archaeologenbijeenkomst plaats had, +een congres dat vooral aan de warme belangstelling van den koning +zijn ontstaan te danken had. + +Het grieksche volk weet, wat het zijn koning heeft te danken; +het waardeert in hooge mate diens verdiensten voor de zaak van het +Hellenisme en daarom is het niet te verwonderen, dat het hem liefde +en vereering toedraagt. + + + + +In Roemenië. + +Naar het Fransch van Th. Hebbelynck. + + + +I. + +Van Boeda-Pest naar Pétrozény.--Een stukje geschiedenis.--Het dal van +de Jiul.--De Bojaren en de Zigeuners.--De markt van Targa Jiu.--Het +klooster Tismana. + + +"Zijn de heeren ingenieurs?" + +"Pardon, mevrouw." + +"Inspecteurs van het boschwezen?" + +"Ook dat niet; wij zijn gewone reizigers." + +"Toeristen? Hier in Roemenië, en zonder dat er eenig voordeel van te +halen is?" + +"Geen ander dan de voldoening, interessante zeden en gebruiken waar +te nemen, een mooi land te bewonderen en er aangename herinneringen +uit mee te nemen." + +Zoo ongeveer werden wij op een dag ondervraagd door een deftige dame, +vrouw van een roemeensch generaal, die op een bekoorlijk plaatsje +midden in het bergland van Walachije en villégiature was. Uit het +gesprek blijkt wel, dat de toeristen tot nu toe Roemenië nog onbezocht +hebben gelaten, en dat noch de Alpenclub, noch de agentschappen van +Cook beslag hebben gelegd op de mooie bosschen van de Karpathen en +de schilderachtige dalen, die van daar naar de Donau loopen. + +Wij deden onze reis in de maand Augustus 1901. Eerst hebben wij het +nog primitieve gedeelte van Roemenië doorreisd, dat tot in deze laatste +jaren bijna precies gelijk gebleven is, als het twintig eeuwen geleden +was en dat te vinden is in de bergstreken van Walachije. Vervolgens +hebben wij een bezoek gebracht aan het moderne Roemenië, dat een +industrieel land is, tegelijk met het nieuwe régime ontstaan en +waarvan Boekarest de ziel is en het middelpunt. + +De kunst heeft in Roemenië door de eeuwen heen slechts zeer zwakke +sporen achtergelaten. Alle oude herinneringen, die men zou verwachten +in een door de Romeinen gekolonizeerd land, zijn vernietigd geworden +door den stroom van barbaren, die telkens over deze provinciën werd +uitgegoten in de volgende twaalf eeuwen en die alles heeft weggevaagd +en meegenomen. Alleen een paar kloosters, die in de Middeleeuwen onder +de vorsten of woiwoden gebouwd werden en waarvan dat van Curte de Arges +het beroemdste is, trekken tegenwoordig nog de aandacht. Maar de groote +aantrekkelijkheid voor den reiziger is gelegen in het landschap, dat +dikwijls grootsch en altijd poëtisch is, verder in de originaliteit +der kleederdrachten en in de zeden der bewoners. + +Wij vertrekken van Boeda-Pesth naar ons doel. Die stad, de heerlijke +hoofstad van Hongarije, neemt sedert 1896 een plaats in onder de +schoonste steden van Europa. Er werd in dat jaar door een schitterende +tentoonstelling en door de inwijding van veel monumentale gebouwen +o.a. het Parlementsgebouw feest gevierd ter eere van het duizendjarig +bestaan van Hongarije. Het was tien eeuwen geleden, dat de Magyaren +onder Arpad het land vermeesterden. + +Bij het verlaten van Boeda-Pesth voert de trein ons door de +vruchtbare vlakten van Hongarije, tusschen velden van blonde maïs, +die eindeloos ver zich uitstrekken. Reusachtige bergen van koren zijn +om de boerenhoeven gegroepeerd, waar dorschmachines aan het werk zijn, +en waar men groote scharen arbeiders en arbeidsters, in 't wit gekleed, +bezig kan zien. Verderop zagen wij tallooze kudden ossen met groote, +wijd uitstaande horens; daarna varkens met lang krullend, zijdeachtig +haar, die er onder zulk een vacht allerkoddigst uitzagen en die men, +in de verte gezien, voor schapen zou houden. + +In die hongaarsche vlakten kregen wij in de buurt van Arad voor +de eerste maal tamme buffels onder de oogen. Terwijl de ossen +in melancholieke stemming in de wei liepen, waren de buffels met +welbehagen bezig, een bad te nemen in het lauwe water der rivier. Die +dieren worden op hoogen prijs gesteld in Hongarije en Roemenië. Hun +melk is uitstekend; ze zijn gehard tegen vermoeienis, kunnen even +goed als ossen worden gespannen voor de karren en wagens der boeren, +maar zijn uiterst gevoelig, zoowel voor warmte als voor koude, hebben +in den zomer zeer veel noodig en moeten in den winter in speciaal +voor hen bestemde stallen een onderkomen vinden. In Transsylvanië en +in Roemenië, waar de winters streng zijn, stalt men ze dan ook onder +de boerenhuizen in goed beschutte kelders. + +Dit gedeelte van Hongarije, het gebied der poeszta's, is zeer dun +bevolkt; maar de grond is er wel vruchtbaar en wordt goed bebouwd. De +boerenhoeven zijn niet talrijk, maar er behooren uitgestrektheden +land bij. Men doet er aan den grooten landbouw in elken zin des woords. + +Maar daar zijn we bij de grenzen van de vlakte: we naderen de wouden +van Transsylvanië. Te Piski, waar wij onze eerste indrukken krijgen +van de woeste bergbewoners, die wij eenige dagen lang van dichtbij +zullen kunnen waarnemen, verlaten wij den grooten weg, om in het +echte bergland door te dringen en dat deel der zuidelijke Karpathen te +bestijgen, dat in zijn geheele lengte slechts één enkelen natuurlijken +doorgang biedt, namelijk de IJzeren Poort. Hoe hooger men komt, des +te armoediger zien de boerenhuizen eruit. Het zijn allen huizen van +leem, gedekt met wat riet of droge maïsstengels, en gegroepeerd om +sjofele kerken, geheel van hout opgetrokken. Weldra verdwijnt ieder +spoor van menschelijke woningen, en de weg neemt een echt grootsch +karakter aan. Het leek wel een chaos, waar wij doorheen moesten. + +De eene tunnel volgde op den anderen, en tegen de hellingen der rotsen +waren met groote koenheid wegen in de bergen uitgehouwen. Het is +avond geworden, als wij stil houden op enkele schreden afstands van +de roemeensche grens in een gebied, waar steenkolen gevonden worden, +en waar zich rotsen van 2500 M. verheffen. Wij zijn te Pétrozény. De +stad ligt op eenigen afstand van het station. Slechts twee of drie +fiacres, die dadelijk bezet zijn, staan er ter beschikking van de +reizigers, en als een onbekende niet de buitengewone beleefdheid had +gehad, om zeer gracieus zijn rijtuig aan te bieden, zouden wij den +weg te voet hebben moeten gaan. + +Twintig minuten, in vluggen draf door onze paarden afgelegd, en daar +zijn we op het groote plein tegenover het voornaamste hôtel van de +plaats, waar een vroolijk concert wordt gegeven ten genoegen van de +élite der inwoners. + +Tegen twee uur in den morgen worden wij met schrik wakker door geroep +en kreten van wanhoop. Een reuzenvlam stijgt boven het groote plein +omhoog. Een zigeunertent, tegen het hotel aangebouwd, is aan het +branden. + +Reeds wordt de achtertrap van het hôtel bedreigd, en het personeel +stapelt, zonder er aan te denken, dat de reizigers gewekt moeten +worden, de corridors vol met kasten, matrassen en tapijten. Met +groote moeite banen wij ons een weg er doorheen, om het binnenplein +te bereiken, waar wij veilig zijn voor de hitte van het vuur. + +De bevolking van Pétrozény is voor een groot deel roemeensch. Maar +daar het een industriëele stad is, zijn een menigte vreemde elementen +zich onder de oorspronkelijke bevolking komen mengen. Daarom ziet +men er naast de frissche en sierlijke roemeensche kleederdrachten +een menigte menschen, wier kleeding van geen bepaalde nationaliteit is. + +Het stadje is in 't minst niet origineel. Huizen van steen en andere, +van leem opgetrokken, wisselen met houten huizen af, en uit elken +gevel steken palen naar buiten, waaraan allerlei zaken heen en weer +schommelen, hier een uithangbord, daar schapenhuiden, braadpannen, +worsten, zelfs hemden. Het is een echte étalagewedstrijd. + +Pétrozény heeft een onzindelijk voorkomen. De bewoners hebben geen +andere coquetterie dan die van hun gesteven wit linnen. Bij de mannen +zijn broek en overhemd van verblindende witheid, en de vrouwen dragen +onberispelijke jakjes en sluiers. Alleen de Zigeuner veroorlooft +zich linnen van twijfelachtige tint, en ik acht het niet onmogelijk, +dat hij zijn onderkleêren pas aflegt als zij het afleggen, dat is, +als ze in lompen uiteenvallen. Het inwendige der woningen ontbeert +alle gerief. Deze menschen kennen zoo weinig behoeften, dat zij +volstrekt geen begrip hebben van de rechtmatige eischen der weinige +vreemdelingen, die onder hen verzeild raken. + +Het marktplein vertoont een zeer eigenaardige soort van drukte. Men +krijgt den indruk van op een groote boerderij te zijn. De ganzen en de +varkens hebben er burgerschapsrechten; de laatste zijn er in allerlei +verscheidenheden. Er zijn witte, zwarte en rossige in allerlei nuances +en allerlei grootte, naarmate zij tot het moldavische of servische +ras behooren, of moerasvarkens zijn, zooals men zooveel aantreft in +de buurt van de Donau. Die belangwekkende dieren leven in vrijheid +en zoeken eikels in de naburige eikenbosschen, waarmee de naburige +hoogten bedekt zijn. + +Volgens de statistische opgaven van het Ministerie van Financiën +bestond de bevolking van Roemenië in 1894 uit vier millioen +inwoners. Maar de berekeningen van den heer Stoerdza, die, naar men +zegt, nauwkeuriger zijn, komen voor dienzelfden tijd tot 6100000 +inwoners. + +De geschiedenis van het roemeensche volk is die van een ongelukkige +natie, die door onderdrukking, oorlogen en lijfeigenschap alle +initiatief heeft verloren, een volk, welks verstand en wilskracht +afgestompt zijn onder de eeuwenlange heerschappij der Turken. + +Het tegenwoordige Roemenië, dat is Walachije, Moldavië en Dobroedsja, +neemt de plaats in van het oude Dacië, dat door Trajanus op het eind +der eerste eeuw van de christelijke jaartelling veroverd werd. Daar +het land zeer dun bevolkt was ten gevolge van de vele oorlogen, bracht +Trajanus er romeinsche kolonisten heen, die zich vermengden met de +oorspronkelijke bevolking en het nog tegenwoordig bestaande ras der +Daco-Romeinen of der Roemenen deden ontstaan. Later trekken Gothen, +Hunnen, Bulgaren, Hongaren, Tartaren beurtelings door het oude Dacië, +dat zij verwoesten en plunderen, en terwijl veel van die Daco-Romeinen +over de Karpathen gaan en in Transsylvanië een schuilplaats vinden, +stemt de andere helft van de jonge natie er na een wanhopigen strijd +in toe, het terrein, dat zij den anderen niet weer kan afhandig maken, +voortaan met hen te deelen. + +In de 13_de_ eeuw overvallen de Tartaren Hongarije en +Transsylvanië. Vluchtend voor hun barbaarsche horden, besluiten de +Daco-Romeinen, die in Transsylvanië een toevlucht hadden gezocht, +tot een nieuwen uittocht. Zij trekken opnieuw de Karpathen over en +keeren naar hun vroeger vaderland terug. Radu-Negru, dat is Rudolf de +Zwarte, hoofd der kolonne van Togaras, vestigt zich te Kampolung en +wordt de eerste woiwode van Walachije, terwijl een ander hoofd, Bogdan +geheeten, zich laat uitroepen tot woiwode van Moldavië. Zoo ontstonden +de beide onafhankelijke romaansche of roemeensche vorstendommen, +maar de onafhankelijkheid was niet van langen duur. + +In 1393 wordt Walachije en in 1511 Moldavië een vazalstaat van de +Turken. In den aanvang worden die provincies geregeerd door inlandsche +hoofden onder de suzereiniteit van de sultans in Byzantium; maar in +de 18_de_ eeuw zonden dezen er vreemde vorsten heen, gekozen uit de +machtige grieksche financiers van Konstantinopel. Dat is de tijd der +Fanarioten van 1716 tot 1822. Zij heeten naar Fanar, een wijk van het +oude Konstantinopel, waar na de verovering door de Turken de Grieken +bleven wonen. Bij hun troonsbestijging moesten de fanariotische +vorsten buiten de gewone jaarlijksche schatting nog een belangrijke +som aan de Porte opbrengen. Van toen af ging de bevolking gebukt +onder zware lasten, en terwijl zij in naam haar vrijheid behield, +werd zij op onmenschelijke wijze uitgezogen. + +In 1820 echter werd de Roemeniër het juk moede; hij ontwaakte uit zijn +dofheid en stond op tegen den sultan, eischend met een geestkracht, +waartoe men hem niet in staat zou hebben geacht, zijn eigen inlandsch +bestuur terug te erlangen, hetgeen geschiedde. Die vorsten wisten het +nationaal gevoel te doen herleven, en na den Krimoorlog verwierven zij +voor de roemeensche provinciën een betrekkelijke onafhankelijkheid, +gewaarborgd door de mogendheden, die het verdrag van Parijs in 1856 +hadden geteekend. + +De vereeniging der provinciën werd in 1861 afgekondigd, en kolonel +Couza werd tot vorst gekozen onder den naam Alexander-Jan I. Samen +met zijn ministers kondigde hij tegelijkertijd de secularisatie van +de kloosters af, die een vierde deel van al het grondgebied bezaten, +en de afschaffing der slavernij van de boeren. Maar in 1866 werd hij +gedwongen, afstand te doen van den troon, en de Kamers riepen, nadat +zij tevergeefs een beroep hadden gedaan op Zijne Hoogheid den graaf van +Vlaanderen, prins Karel van Hohenzollern tot vorst van Roemenië uit. + +Bij zijn troonbestijging moest alles van voren af aan worden +opgebouwd. De steden leverden een schouwspel van volslagen armoede +op. Overal heerschten omkooping en diefstal. De vorst hield zich dan +ook van het begin af bezig met de reorganisatie van de verschillende +takken van staatsdienst, en in 1877, tijdens den turksch-russischen +oorlog, was Roemenië reeds met groote schreden vooruitgegaan en kon +een machtige steun zijn voor Rusland. + +Het werd maar kaaltjes beloond voor zijn edelmoedige hulp. Men +gaf Dobroedsja met de haven Constanza; maar in ruil moest Roemenië +dat deel van Bessarabië afstaan, dat in 1856 verkregen was, en waar +Rusland al sinds langen tijd een begeerig oog op hield gevestigd. Het +is waar, dat tevens de volledige onafhankelijkheid van Roemenië door +de verschillende europeesche staten werd erkend, en in 1881 verkreeg +vorst Karel van Hohenzollern den titel van koning van Roemenië. + +In dit geschiedverhaal wordt de uittocht van Fogaras door verschillende +schrijvers tegengesproken. Zij houden vol, dat Radu-Negru slechts een +legendarische persoonlijkheid is. Volgens hen zouden Tugomer Bassarab, +die een dynastie in Walachije stichtte en zijn zoon Alexander Bassarab, +die het volk van herders in een zelfbewuste, onafhankelijke natie +herschiep, de grondleggers van den staat zijn. + +Wij betreden Walachije langs den nieuwen weg, die door de Karpathen +leidt en te Targu Jiul uitkomt. Daarna, als wij ons successievelijk +hebben opgehouden in de kloosters van Tismana, Horezu, Curtea de Arges +en Kampolung, begeven we ons naar Boekarest, de hoofdstad van Roemenië, +van waar we een bezoek zullen brengen aan het petroleumgebied van +Doftana en aan de mijnen van steenzout van Slanic. Wij zullen den +tocht besluiten met Sinaïa, de poëtische residentie van Roemenië's +souvereinen. + +Tegenwoordig reist men in Roemenië nog per victoria, met twee, drie +of vier paarden bespannen. Onder de kap is een ruime bergplaats voor +alles, wat men kan noodig hebben onderweg, en er hangt een emmer aan, +om den paarden te drinken te geven, want al die dingen kan men onderweg +niet krijgen. De zak met maïs, waaruit de paarden gevoerd worden, die +maïs in plaats van haver krijgen, bevindt zich naast den koetsier. De +laatste neemt ook rijkelijk voorraad mee en is dan eindelijk wel zoo +goed, uwe bagage op te laden. + +De paarden zijn vlug en opgewekt en bestand tegen groote +vermoeienis. Zij leggen 80, soms zelfs 100 kilometer per dag af en 10 +kilometer per uur. De koetsiers hebben een eigen, bijzondere manier +van hen aan te zetten, door de zweepslagen te doen vergezellen door +woeste, zeer eigenaardige geluiden. + +Voor vijf-en-twintig jaar was de victoria in het land onbekend; men +reisde enkel met de _birdj_, het nationale voertuig, dat nu nog bij +de boeren in gebruik is. Het is een kist van houten latten zonder +veêren op vier wielen, aan de achterzijde is de onvermijdelijke bak +voor berging en een groote huif is er overheen gespannen, ondersteund +door breede hoepels. Door een smalle, lage opening stapt men er binnen +en heeft daar dan als zitplaats zijn eigen bagage of een hoop hooi. + +Het dal der Jiul, dat bij 't vertrek uit Pétrozény voor ons open ligt, +werd langen tijd voor volkomen onbruikbaar gehouden, want zelfs de +bergbewoners beschouwden het als onbegaanbaar, en om over dit deel +der Karpathen heen te komen, gaven zij nog ondanks de hinderpalen van +allerlei aard, de voorkeur aan het ruwe pad over den Vulkaan-pas. Maar +door groote en vernuftige werken, voor 't meerendeel aangelegd door +belgische ingenieurs, loopt er thans een der mooiste wegen door en +een der veiligste uit de zuidelijke Karpathen. + +Men rijdt er door een nauwe spleet, met aan beide zijden hooge bergen, +die van boven volkomen kaal zijn en die in de lagere gedeelten met +groote, nog niet geëxploiteerde bosschen zijn bedekt, waardoor de +bergen een prachtig maar somber aanzien krijgen. Heel in de diepte van +de kloof stuwt de hongaarsche Jiul, gevoed met de roemeensche rivier +van dien naam, haar onstuimig water tusschen al de hindernissen door, +die in de rotsachtige bedding in den weg komen. Nu eens in het nauw +gebracht tusschen rotswanden, schuimt en bruist en springt de rivier +voort; dan weer breidt zij zich rustig uit te midden van het groen, +dat tot het water voortloopt. + +Soms is de rivier zoo woedend, dat zij een stuk van den nieuwen, +met groote kosten aangelegden weg met zich mee sleurt. Men kan in +West-Europa zich geen denkbeeld maken van dat snelle wassen der +rivieren, en het komt niet alleen in de lente voor, als de sneeuw op +de bergen smelt, maar ook in het hartje van den zomer. + +De weg is wel niet te vergelijken bij de wonderschoone wegen in +Zwitserland, maar hij roept de herinnering wakker aan de mooiste dalen +van Schwarzwald en Jura en heeft nog woester, grootscher karakter. + +Dicht bij den uitgang van het dal staat in een omheinde ruimte het +nederige klooster Naïch. Dat witte kloostertje, waarvan het aardige +kerkje met de driedeelige vensters van buiten aan alle kanten met +mooie fresco's is versierd, wordt op 't oogenblik nog door enkele +monniken bewoond. + +Weldra worden de bergen lager en staan verder uiteen. De Jiul, die +niet langer door rotsen beperkt wordt, stroomt door een bedding, die +tienmaal te breed is voor haar wateren, en de wouden verdwijnen, om +plaats te maken voor gewoon bouwland. Eerst nadat wij dertig kilometer +hadden afgelegd, ontdekten wij enkele houten huisjes met puntige daken +op zijn Turksch en bedekt met planken van berkenhout. Hoe armoedig ze +ook mogen wezen, alle huisjes zijn van elkander afgescheiden en zijn +door een schutting omgeven. In Roemenië zijn, evenals in de meeste +oostersche landen, levende hagen onbekend. Men maakt afsluitingen +van planken of palen, van doode takken of van rijswerk. Die kleine +boerenhoeven hebben, al zien ze er ook nog zoo ellendig uit, toch een +echte verbetering gebracht in het lot van den Roemeniër. Hij heeft +thans een eigen huis, een stal, een maïszolder, een varkenshok, terwijl +hij te voren eeuwen lang onder de heerschappij der Bojaren gewoond +heeft in holen, die twee meter diep in den grond waren uitgegraven +en onder een dak van rijswerk met aardkluiten belegd. Voor elk van +deze woningen ligt nu een veranda, waar het gezin des zomers slaapt, +omdat de groote hitte het huis van binnen onbewoonbaar maakt. Des +avonds worden er matrassen en dekens neergelegd, die 's morgens weer +worden weggenomen. + +Oudtijds wilde een vroom gebruik, dat ieder boer vóór de deur van zijn +huis een schotel met water plaatste ten gebruike der voorbijgangers +en der reizigers; tegenwoordig ziet men vóór elke hoeve een pomp, +waarbij ieder naar welgevallen zijn dorst kan lesschen. + +De monumentale deur, die de omheining afsluit, is een der sieraden +van een roemeensch huis; men vindt zoo'n deur overal, bij de +grootste, zoowel als bij de kleinste hoeven, bij de villa's en bij +de kloosters. Die deuren zijn op eigenaardige en soms zeer artistieke +wijze uitgesneden. + +De Bojarenheerschappij werd eerst in het land gevestigd op het +eind der 14_de_ eeuw. Radu of Rudolf XIV kwam, met den steun van +den griekschen patriarch Niphon, op het denkbeeld een adelstand in +het leven te roepen op het voorbeeld van den byzantijnschen adel en +veranderde de hofambten zóó, dat ze recht gaven op adellijke titels. + +Dit was de aanleiding tot het ontstaan van den stand der Bojaren. Later +kwam onder de Fanarioten een stroom van grieksche avonturiers het land +binnen, in het gevolg der vorsten, die hen bij voorkeur tot eereambten +riepen. Zoo ontstond er in het land zelf een vreemde aristocratie, een +lage, verdorven, winzuchtige klasse, die de inboorlingen onderdrukte +en ze onbeschaamd uitmergelde. Die nieuwe adel was erfelijk tot in +het tweede geslacht. + +Elke Bojarentitel gaf recht op een zeker aantal boeren, die alleen aan +hun heer belasting hadden te betalen. Zestig duizend gezinnen werden +aldus in den dienst der Bojaren gesteld. Die ongelukkige landbouwers, +hoewel niet precies gebonden aan den grond, hadden niet het recht, +van heer te veranderen en mochten hun grond alleen verlaten met +toestemming van den eigenaar. + +"Nog in 1856", zegt Elisé Reclus, "waren 5 à 6000 Bojaren heeren +en meesters van het land en zijn bewoners. Maar er bestond groote +ongelijkheid onder hen; de meesten waren slechts kleine grondbezitters, +terwijl 70 vazallen in Walachije en 300 in Moldavië met de kloosters +bijna al den grond onderling hadden verdeeld. + +In 1864 kwam er, met de secularisatie van de kloosters, ook een einde +aan de lijfeigenschap der boeren. Elk gezin verkreeg een stuk land, +afwisselend tusschen 3 en 6 H.A., naar gelang het één koe hield, +twee ossen en een koe, of vier ossen en een koe. De hectare werd hun +eigendom tegen den prijs van 60 gulden, betaalbaar aan den staat in +vijftien jaarlijksche aflossingen. + +Het aantal boeren, dat op die manier land in bezit kreeg, steeg in +'t begin tot 450000, maar in 1880, toen er een nieuwe verdeeling van +den grond door den staat plaats had, kwamen er nog 100000 bij. + +Ondanks die hervorming behooren de groote bronnen van rijkdom nog aan +den staat en de oude Bojaren. De staat exploiteert namelijk zelf de +onuitputtelijke zoutmijnen, hij is eigenaar van de petroleumhoudende +terreinen; voor het grootste deel zijn de bosschen, die een vijfde van +het grondgebied bedekken, in zijn bezit. Wat de Bojaren betreft, zij +hebben enorme eigendommen in handen, hun door de woiwoden afgestaan, +en waarvan de uitgestrektheid van 4 tot 8000 H.A. bedraagt. + +Die eigendommen kunnen niet dan in hun geheel verkocht of vervreemd +worden; de wet verbiedt hun verbrokkeling. Buitendien is door art. 7 +der grondwet bepaald, dat vreemdelingen geen vaste goederen in Roemenië +mogen bezitten. Zij kunnen niettemin van een Roemeniër erven; maar in +dat geval heeft de staat het recht, hen te verplichten hun bezittingen +te verkoopen, tenzij ze zich laten naturaliseeren. Dat kan geschieden +bij Parlementsbesluit na tien jaren verblijf in het land. Er zijn +nog andere verzachtingen van de bepalingen, die op vreemdelingen +betrekking hebben. Zoo kunnen ze bijvoorbeeld huizen bezitten in de +steden, en er bestaat plan, om de verkrijging van vaste goederen +mogelijk te maken voor buitenlandsche maatschappijen, in geval de +meerderheid der aandeelhouders uit roemeensche burgers bestaat. + +De wijze, waarop die groote bezittingen worden geëxploiteerd is nog +al eigenaardig. Op een vastgestelden dag roept de burgemeester de +gezinnen uit zijn dorp op en verdeelt onder hen, tegen een dikwijls +belachelijk laag loon, de gronden, die bebouwd moeten worden. Het +loon wordt vooruit betaald, maar de geheele oogst valt toe aan den +eigenaar. Behoef ik nog te zeggen, dat de ongelukkige boeren, die +vroeger zoo slecht behandeld werden, dat tegenwoordig nog worden? In +vele gevallen worden ze lomp bejegend en zelfs wel geslagen. + +Verscheiden oude Bojaren, vooral in Moldavië, besturen zelf de +landbouwondernemingen op hun goederen en hebben uitgebreide corpsen +arbeiders in het werk, terwijl zij tien maanden van het jaar er +wonen. Maar in het hartje van den winter gaan ze reizen en gaan hun +inkomsten te Boekarest, Weenen en Parijs verteren. + +Op den weg van Targu Jiul komen wij groote wagens tegen. Zeven of +acht paar ossen, het eene paar achter het andere en bestuurd door +in het wit gekleede boeren, trekken landbouwmachines en zware karren +met nieuwerwetsche artikelen voor den modernen landbouw. Vroeger ging +het dorschen in Roemenië met behulp van ossen, die het koren op den +dorschvloer trapten. Tegenwoordig is de dorschmachine er doorgedrongen, +en de kleine eigenaars vereenigen zich, om samen stoomdorschmachines +te koopen. + +Mannen en vrouwen te paard gaan naar de stad; spiernaakte kinderen +vluchten bij onze nadering. De dorpen worden grooter; de huizen +zijn netter onderhouden, en op de palen van de afsluitingen staan +allermerkwaardigste potten en vazen omgekeerd, om uit te lekken en +te drogen. Aardewerkfabricatie is inderdaad een der belangwekkendste +takken van de roemeensche klein-industrie. Er worden zelfs markten +van aardewerk gehouden, en men vraagt zich af, hoe de Roemeniërs zoo'n +oneindige verscheidenheid van gebruiksvoorwerpen kunnen aanwenden. + +Bij den ingang der stad waren geheele gezinnen aan den wegrand gezeten, +in een kring op den grond gehurkt in volkomen sans gêne. Zedigheid is +waarschijnlijk niet de hoofddeugd der roemeensche boerinnen; misschien +ook bestaan er daar andere begrippen op dat punt dan bij ons, en het +is waar, dat hoe meer men het Oosten nadert, des te inschikkelijker +wordt men voor het déshabillé. + +Wij zijn te Targu Jiul, de eerste belangrijke plaats in Roemenië. Het +is een stad van 3000 inwoners, waar een school in aanbouw de aandacht +trekt, omdat zij als modelschool aangewezen wordt. + +Het hôtel, waar wij afstappen, ziet er zeer goed uit en, hoogst +aangename verrassing, de eigenaar spreekt Fransch. Maar wij moeten nu +kennis maken met de roemeensche keuken! O, die roemeensche keuken! Zure +soepen, waar een half dozijn sardines in drijven. Is dat niet iets, +om u op slag den gretigsten eetlust te benemen?... Geen roastbeef, +noch biefstuk.... Runderen worden niet geslacht; zij dienen enkel als +trekdieren. Varkens loopen op straat rond, maar ze worden evenmin +geslacht, in den zomer ten minste niet, onder voorgeven, dat het +vleesch maar twee of drie dagen goed blijft. Kippen krijgt men meer +dan genoeg, maar die welke ons aan tafel werden voorgezet, zijn +magere beestjes, zoo hard gebraden, dat ze bijna geheel uitgedroogd +zijn. Schapenvleesch, trossen gekookte maïs en een gerecht, dat +koukouroute heet, schijnen de meest aanbevelenswaardige onderdeelen +van 't menu. + +In de hôtels eet men met muziek. Als gij een orkest van Zigeuners +treft, hoort ge woeste, heftige, hartstochtelijke muziek; hebt ge een +roemeensch orkest, dan blijven vuur en gloed achterwege, om plaats te +maken voor klacht en melancholie. Het is om te schreien, zoo droevig; +'t is in muziek omgezette smart. + +Midden in den nacht worden wij gewekt door een hevig onweêr, zooals +er bij ons zelden voorkomen. Het is een opeenvolging van lange, +witachtige bliksemstralen, uitgaande van alle punten van den horizon +tegelijk en, in éénen door, de markt en de straten der stad met licht +overstroomend. Tegelijkertijd storten de watervallen van den hemel +op de aarde neer, en de straten worden tot ware rivieren. 's Morgens +waren de straten weer droog, en de lucht was zuiver en geurig. + +Niettegenstaande den nachtelijken storm was van vier uur af de +markt, die tegenover ons hôtel werd gehouden, buitengewoon druk en +levendig. Men kan zich niets aardigers en schilderachtigers denken dan +die markten, waar de bewoners uit de naburige dalen samenkomen. Die +laatsten komen naar de stad in met een paar ossen bespannen karren, +of op den rug van een muilezel, door de vrouwen bereden op dezelfde +wijze als door de mannen. Zij hebben vaak een reeks van een vijftiental +bijeengebonden kippen bij zich, die er erbarmelijk uitzien. Enkele +vrouwen komen op de markt met leêge handen; maar met zeer gevuld +jakje. Als ze ter plaatse zijn, steken ze de hand vóór in hun +halfgeopend gewaad, dat daar trouwens altijd voor zak dient en halen +er, 't zij een kip, 't zij een eend uit; ik heb er zelfs gezien, +die uit die bergplaats een speenvarkentje voor den dag haalden, +dat daarna moederlijk in de armen werd gedragen. + +Doch het origineelste zijn zij, die uit de stad terugkeeren met de +meest uiteenloopende voorwerpen in haar geïmproviseerden zak. Die +hangt dan zwaar omlaag op den boezelaar, en maakt bij elke schrede een +rinkelend geluid van aardewerk of men hoort er den triomfkreet van een +haan uit opstijgen, die op de markt een koopster heeft gevonden. De +vrouwen staan of zitten er langs de trottoirs met haar koopwaar vóór +zich. De verkoop van de producten is niet zeer winstgevend. Men betaalt +30 centimes voor een kip, 10 centimes voor vier eieren, en 15 centimes +voor vier liter wijn. Toch zien ze er niet uit, of ze gebrek lijden. Ze +zijn vroolijk en vriendelijk en gaan naar de markt als naar een feest. + +Haar kleeding, van onberispelijke netheid, is tevens niet +onelegant. Zij dragen een zeer wijd linnen hemd, versierd met +borduursel van blauwe en roode wol. Vóór en achter wappert een +boezelaar, de catrinza, van wol met breede strepen. In andere plaatsen +hullen ze zich bij wijze van japon in een stuk geweven stof, die zeer +stijf is en rijk versierd met motieven in kleuren. De jonge meisjes +loopen altijd blootshoofds met een op den rug hangende vlecht. Alleen +de getrouwde vrouwen dragen over het hoofd en de schouders een sluier +van zeer lichte stof en in enkele steden hebben zij een mannenhoed op, +die niet zeer gracieus staat. + +De kleeding van de mannen herinnert aan de oude dracht der Daciërs, +zooals zij op de Trojanus-zuil is weergegeven. Zij bestaat uit een hemd +van grof linnen, om het middel bevestigd met een breeden leêren gordel, +die voor zak dient. Onder het hemd wordt de linnen broek gedragen, +gewoonlijk sluitend van de knie tot den enkel. + +De Roemeniër uit het laagland, vooral de Walach, heeft zwarte oogen, +een gebronsde tint en een zacht, sterk sprekend gezicht. Nog in onze +dagen vertoont hij de sporen van het droevig lot, dat hij zoo lang +heeft moeten dragen. Hij is tegelijk beschroomd, geduldig, bijgeloovig +en fatalistisch. + +Al vroeg in den morgen wacht onze met drie paarden bespannen victoria +aan de deur van het hôtel, en na ons van mondvoorraad voor den dag +te hebben voorzien, gaan wij op weg naar Tismana. + +Het landschap, waar we door rijden, is zeer schilderachtig. Op dichte +groepen hoog eiken hakhout langs den weg volgen de groote wouden, +reuzenbosschen, waar de boomen prachtige afmetingen erlangen. De dorpen +zijn armoedig en vuil, en het geeft een bedrukkend gevoel, te rijden +door die vruchtbare dalen der Karpathen, en te constateeren, dat er +alle sporen van werkzaamheid ontbreken. Maar de arme heeft in dit land +bijna geen behoeften; hij heeft maïs in huis en uien en brood, een brok +zout en kaas, en hieraan heeft hij genoeg. Het bosch levert hem hout +en zijn kleêren worden thuis door de vrouwen gesponnen, geweven en +genaaid. Elke woning heeft dan ook haar weefgetouw. Van hennep wordt +het grove linnen gemaakt, waaruit in hoofdzaak kleederen van mannen +zoowel als van vrouwen zijn vervaardigd. Gesponnen wol dient voor het +maken der lakensche mantels voor de boeren en voor huishouddekens. Met +meekrap of lakmoes gekleurd, dient die wol ook voor het weven van de +veelkleurige boezelaars, die de vrouwen dragen en voor de versiering +van de linnen hemden met allerlei curieuse en artistieke borduursels. + +Ik kan hier nog bijvoegen, dat tot op den leeftijd van zes à zeven +jaar de meeste kinderen geheel naakt loopen, wat practisch en zuinig +moet heeten. Des avonds alleen trekt men hun een hemdje aan tegen de +koude van den nacht. + +Vlak bij Tismana ontmoeten wij talrijke groepen, los en vrij op +den grond gelegen vóór hun deuren. Als bij instinct staan ze op, +als ze ons zien naderen en blijven staan als teeken van eerbied, +tot we voorbij zijn. Die groepen zijn voor 't meerendeel Zigeuners. + +De oorsprong van dit eigenaardige ras is lang een punt van strijd +gebleven. Het schijnt tegenwoordig vast te staan, dat ze uit Hindostan +afkomstig zijn. Oude charters, die te Tismana teruggevonden zijn, +spreken al van Zigeuners, die in de 14de eeuw in slavernij naar +Walachije werden gekracht. + +Werkelijk zijn de Zigeuners in Roemenië eeuwen lang in een toestand +van smadelijke dienstbaarheid gehouden, terwijl ze overal elders reeds +de vrijheid hadden gekregen. Zij bleven het eigendom van den staat, +de Bojaren en de kloosters tot 1827, het jaar van hun bevrijding. Hun +aantal is betrekkelijk gering; in heel Roemenië komen er tegenwoordig +niet meer dan 260000 voor. + +Onder al de wisselvalligheden van hun treurig bestaan hebben de +Zigeuners hun type, hun taal en hun gewoonten behouden. Het type is +zeer bijzonder en is merkwaardig zuiver door de eeuwen heen bewaard +gebleven. De taal, die zij spreken onder elkander, is een hindoesch +dialect, dat veel op eenige sanscrietsche tongvallen gelijkt. Eerst +sedert hun vrijverklaring komen gemengde huwelijken tusschen hen en +Roemeniërs voor. Ze hebben een ovaal gelaat en prachtige, schitterende, +zwarte oogen. Het zeer zwarte haar laten zij als een bos groeien en +nooit maakt het kennis met een kam. De neus is recht, met een lichte +arendswelving; de tanden behouden hun schitterende witheid in alle +omstandigheden, zelfs bij het overmatig gebruik van tabak, waaraan +mannen en vrouwen zich overgeven. + +Velen van hen zijn landbouwers en anderen beoefenen het smids- of +het koperslagersbedrijf. Maar ze zijn vooral muzikanten, en zonder +eenige theoretische kennis brengen ze met veel gevoel en uitnemend +talent de liefelijkste melodieën ten gehoore. + +Wij gaan nu door bekoorlijke boschjes, waar aan alle kanten beekjes +onder de struiken ritselen, zooals zij neergedaald komen van de +naburige hoogten en den stoffigen weg met hun gemurmel begeleiden. + +Links van ons wordt het landschap beheerscht door het klooster van +Tismana, zooals het daar leunt tegen den dichtbegroeiden berg en op +een vooruitspringend gedeelte van de rotsen is aangelegd. Een waterval +vloeit schuimend onder het klooster naar beneden en stort zich met +één sprong in het dal, waar hij nog trillend van den val in de diepte, +zijn loop vervolgt tusschen de donkere boschjes naast ons. + +De abdij van Tismana, die vroeger zoo beroemd was, bezit thans geen +anderen rijkdom meer dan zijn prachtige ligging en heerlijke omgeving. + +Een vijftiental monniken leiden er nog een armoedig bestaan. Sinds +de secularisatie van de kloosters in 1864, dat is dus sinds den tijd +toen zij beroofd werden van hun bezittingen en kostbaarheden, bepaalt +de regeering zich ertoe, aan elken monnik 70 centimes per dag te geven +voor hun voeding en 50 francs per jaar voor kleeding. De rijke sieraden +en kostbare ikons zijn hun afgenomen en worden thans tentoongesteld in +het museum te Boekarest, waar ze hun typische belangrijkheid natuurlijk +hebben verloren. Er heerscht dan ook groote ellende in die kloosters, +en de cel van een der monniken, waar men ons heen brengt, om van het +prachtig uitzicht te genieten over het dal, is een akelig verblijf +met geen andere meubels dan een stroozak. + +Vroeger, in den tijd van hun grootheid, toen herbergen in Roemenië iets +onbekends waren, boden de mannen- en de vrouwenkloosters de ruimste +gastvrijheid aan, en vriendelijk werd ieder vreemdeling opgenomen, +die aan hun deur klopte. + +Zij waren zelfs het doel geworden voor kortere of langere uitstapjes, +en de burgerij uit de steden kwam er samen, om er den zomer te slijten. +Er slopen allerlei misbruiken in bij dat leven van wereldsche +ledigheid, dat daar langzaam aan binnendrong in het kloosterleven en +dat zelfs, naar het schijnt, een der redenen was van de secularisatie +der kloostergoederen. Tegenwoordig, nu de monniken het armoedig +hebben en zelf alle werkzaamheden op het veld moeten verrichten, +zijn de kloosters stil en verlaten geworden. Enkele kalme gezinnen, +die de hitte in de vlakte willen ontloopen, komen er nog wel eens +rust en koelte zoeken. De monniken verhuren hun kamers, maar zij +bieden niet anders aan dan een legerstede in die ruimten. De logés +moeten zelf in al hun andere behoeften voorzien. + +Men komt het klooster binnen langs een vierkant voorplein, waar +men de gebouwen ziet, bestemd voor de vreemdelingen. Er zijn op dit +oogenblik twee welgestelde families uit Krajowa, waarvan de dames ons +vriendelijk als tolk dienden bij den portier, een prachtigen monnik +met lange haren en zwarten baard. + +Er is een tafel neergezet in het klooster ten gebruike van +de vreemdelingen die hun ontbijt in het klooster wenschen te +gebruiken. Maar wij mochten ons inderdaad gelukkig achten, omdat wij +er aan gedacht hadden proviand mede te nemen, en niet vertrouwd te +hebben op den regel, die al zeer oud is en die de kloosters verplicht +vreemdelingen drie dagen lang te herbergen en te voeden. De portier, +die ons bediende, had zelfs geen brood ons aan te bieden. Alleen had +hij ronde, harde, platte beschuiten als enorme medailles, met een +afbeelding van het klooster op den eenen en een van den patroon der +abdij Sint Nicodemus op den anderen kant. + +De monniken houden zich bezig met de eenvoudigste en meest vermoeiende +werkzaamheden; maar zij behouden zelfs bij het nederigste werk een +waardigheid, die eerbied afdwingt. Armoede is geen schande. + +Zij belijden den orthodox griekschen godsdienst. Tot 1864 was de +kerk onderworpen aan het patriarchaat van Konstantinopel; sinds +dien werd zij een onafhankelijke, nationale kerk. Haar hoofd is de +metropolitaan-primaat van Roemenië, die te Boekarest resideert. De +roemeensche geestelijkheid wordt in twee categorieën verdeeld, +de monniken van den H. Basilius, die aan het celibaat gebonden +zijn, en de wereldlijke priesters, die mogen huwen. Uit de eerste +categorie alleen wordt de hooge geestelijkheid gerecruteerd. Zelfs +onder het turksche protectoraat zijn de Roemeniërs er in geslaagd, +het verdrag te doen eerbiedigen, waarbij het verboden was moskeeën +op hun grondgebied te bouwen. Nooit hebben de Turken, het zij tot +hun eer gezegd, de minste poging gedaan, om dat verbod te overtreden. + + + + +II. + +Het klooster van Horezu.--Uitstapje naar Bistritza.--Romnicu en de +pas van den Rooden Toren.--Van Curtea de Arges naar Kampolung.--Pas +van Dimbo-viciora. + + +Op 25 K.M. af stands van Targu Jiul ligt het klooster van Horezu, +onmiddellijk bij het stadje van denzelfden naam. Daar de weg nog al +vermoeiend is, heeft men voor ons gewoon klein rijtuigje vier paarden +gespannen, alle vóór elkander. Wij volgen juist de tegenovergestelde +richting van die naar Tismava; doch evenals gisteren rijden we langs de +hooge bergen van de Karpathen en wij steken dwars over een eindeloos +aantal dalen, die van de groote hoofdketen afdwalen, om zich in de +roemeensche poeszta te gaan verliezen. + +De dalen zelf zien er niet merkwaardig uit, maar bij elke hoogte +ontdekken wij ruime vergezichten, die den tempel van dichterlijke +melancholie dragen. Nu eens gaan we voorbij prachtige eikenbosschen, +die kolossale hoogten bereiken, dan langs verrukkelijke berkenbosschen +met zilveren stammen en levend loof. Wij houden halt, soms onder +een boschje in de diepe schaduw bij een van die groote putten, wier +eenige arm ten hemel wijst en waar onze arme paarden met lange teugen +zuiver en kristal-helder water drinken, en dan weer bij een bescheiden +dorpsherberg, waar we binnengaan, om ons eens te vertreden en ook om +van die dorpsbinnenhuizen een voorstelling te krijgen. + +En terwijl in de gelagkamer onze koetsier zijn fleschje tzuica drinkt, +of pruimelikeur, die uit zeer kleine fleschjes geschonken wordt, +in één teug te ledigen, brengt de waard ons naar de achterkamer, +de eerezaal. Wij zien er als voornaamste meubel een divan, die als +bed kan dienen en in den vloer is vastgeschroefd. Een mooi gestreept +tapijt ligt erover en kussens met allerlei borduursels en roode en +witte letters. Tegen de muren hangen chromolithografieën, afwisselend +met groote strikken van wit linnen, op dezelfde wijze geborduurd en +van initialen en datums voorzien. Er is in het geheele huis geen +kast, noch in den muur, noch los in de vertrekken. Daarvoor in de +plaats staan er langwerpige houten koffers of kisten naar turksch +en servisch gebruik, waar men door elkaâr schoenen en vaatwerk en +juweelen in bergt, kortom al wat men bezit. + +De middenzaal wordt door het gezin bewoond. Men ziet daar +de weefstoelen, dan divans, allerlei aardewerk, heel eenvoudig +keukengereedschap en een langwerpige tobbe, in den vorm van een boot in +een boomstam uitgehold. Die tobbe, die men in alle huizen terugvindt, +bewijst de meest verschillende diensten. Het is de draagbare wieg +der kinderen, de waschtobbe van de moeders en de etensbak der beesten. + +In het algemeen koken de Roemeniërs bij mooi weêr in de open lucht, +'s Avonds groepeeren zich geheele gezinnen om een vuur, waarop de +mammaliga kookt, de nationale schotel, een dikke brij van maïsmeel +in zout water gekookt, en tegen den nacht geeft het roode schijnsel +van het vuur, dat al die witte gedaanten, die er zich omheen dringen, +verlicht, aan het landschap iets sombers en dreigends. + +De waard zet ons, na de honneurs van zijn huis te hebben waargenomen, +zijn besten wijn voor, die _entre nous_ niet drinkbaar is, daarna +brengt hij ons naar de plaats bij zijn huis, waar een soort van rad is +opgericht, een russische schommel, hier het Groote Rad van de parijsche +tentoonstelling in zijn eenvoudigsten en meest rustieken vorm. Men +ziet die raderen nog al eens, zoowel in Moldavië als in Walachije. + +De dorpen, die wij door trekken,--de weinige dorpen, zou men moeten +zeggen, want het land is dun bevolkt,--lijken alle op elkander. Het +zijn altijd dezelfde boerenhuizen, die men er ziet, met planken +daken, en waar varkens van allerlei kleuren voor rondloopen met een +driehoekigen ijzeren ring door den neus, dan ganzen en eenden en +daartusschen naakte kinderen. Uit die hoeven stuiven vaak groote +honden te voorschijn, die tegen het rijtuig blaffen en achter ons +aan hollen, tot de koetsier met een flinken zweepslag hen tot orde +en welvoegelijkheid roept. + +De dorpskerken, alle gelijk, zijn in nieuw-byzantijnschen stijl +opgetrokken en trekken van verre de aandacht door hun metalen koepels +en hun hooge, achthoekige torens met groote boogvensters. Vele zijn +van buiten met groote fresco's versierd, die er een zeer bijzonderen +stempel op drukken. De kerkhoven, die meestal afgezonderd liggen +te midden van de velden, zijn vol van zware byzantijnsche kruisen, +beschilderd en versierd met vrome figuren op gouden fond. Ook langs +den weg staan veel kruisen, die niets met graven te maken hebben, +kruisen, die als in veel berglanden, door vrome geloovigen zijn +opgericht. Zoo ziet men vaak een kruis naast een bron of zelfs wel +bij een eenvoudigen put. + +Op den middag houden we stil te Podovraj, een aardig plaatsje, +middelpunt, van waar uit men verscheiden belangwekkende uitstapjes +kan maken. Wij vinden er veel roemeensche familiën, die er hun +zomerverblijf hebben opgeslagen. + +De Roemeniërs gaan op eenvoudige en goedkoope manier _en +villégiatura_. Zij hebben eigenlijk geen ander koel zomerplaatsje +dan Sinaïa, de koninklijke residentie, waar de élite van 't +gezelschapsleven samenkomt; enkele badplaatsen als Slanic in Moldavië +en Calimanesti, en een paar deftige lustoorden in de bergen, als +Kampolung, Ocna en nog enkele. Daarom gaan families met beperkte +middelen, die de brandende hitte der vlakte willen ontvlieden, bij +voorkeur naar de dorpen. Daar gaan ze een accoord aan met de eene of +andere Zigeunerfamilie, die hun haar woning voor één of twee maanden +afstaat. Men installeert zich dan in zoo'n primitief huis en brengt er +de vacantie door te midden der bosschen en der woeste Karpathennatuur, +gelukkig als er een herberg in de buurt is, van waar ze hun eten +kunnen laten komen. In dien tijd kampeeren de Zigeuners hier of daar; +die nemen het zoo nauw niet en hebben hun nomadenbloed behouden. + +Te Horezu moesten wij de keus van ons logement aan den koetsier +overlaten. Hij brengt ons in een soort van hoeve, die volkomen +ledig is. Niemand in de herbergzaal, niemand in de kamers, waar +wij haastig en tersluiks een blik in werpen. Maar alles ziet er zoo +vuil, zoo afschuwelijk vuil uit, dat wij niet kunnen besluiten, er +den nacht door te brengen en op de zoek gaan naar een meer passend +verblijf. Na veel zoekens vinden wij een minder voorhistorische, +zelfs bijna moderne herberg. De waard laat ons kamers zien, waar de +bedden wel door divans zijn vervangen op roemeensche manier, maar +waar de lakens van een witheid zijn, die een uitstekend voorteeken is. + +Helaas! het voorteeken heeft bedrogen. Den geheelen nacht zijn de +springende insecten in de weer. Noch ammonia, noch eau de cologne +helpt er iets tegen en slapeloos brengen wij den nacht door. + +Het stadje Horezu is bekoorlijk en druk. De huizen, minder op zichzelf +staand dan te Targu Jiul, zien er beter uit met hun in de straat +naar voren springende balkons. De bewoners, vooral de vrouwen, zien +er vroolijker uit, hebben zelfs iets joligs. Des avonds dringen naar +het eind van de hoofdstraat, waar wij logeeren, vreemde liederen tot +ons door, gezongen door van het werk terugkeerende meisjes. Het zijn +turksche melodieën met zeer bijzondere modulaties, en het gezang is +werkelijk boeiend, zoo boeiend, dat wij de groepen volgen tot op het +oogenblik, dat zij uit ons oog verdwijnen, altijd nog zingend en de +echo's voortstuwend van hun trillers en hun hooge noten. + +Op twintig minuten afstands van de stad ligt het klooster van +Horezu. Men gaat per rijtuig langs den grooten weg tot aan den +heuvel, waarboven de indrukwekkende steenmassa's van de oude abdij +verrijzen. Daar wordt de weg zoo steil en steenachtig, dat wij te +voet verder moeten gaan. Halverwege de helling zien we een monnik van +gemiddelde grootte, die met ons den lijdensberg bestijgt. Wij gaan +schrede voor schrede achter hem aan, zooals hij ons daartoe schijnt uit +te noodigen met den vriendelijken glimlach, zich afteekenend onder den +fijnen knevel, en spoedig betreden wij na hem het groote binnenplein +van het klooster, waar op dit oogenblik veel menschen bijeen zijn. Een +leekenbroeder treedt op ons toe, en na een korte samenspraak met +den monnik, die ons had binnengeleid, wendt hij zich tot ons en zegt +in zeer correct Fransch: "Mevrouw, de overste noodigt u uit in het +salon te gaan." Wij waren grootelijks verrast. Wij wisten niet, dat +het klooster van Horezu, dat ten allen tijde een mannenklooster was +geweest, een nonnenklooster was geworden, de kleeding en de knevel +van de overste hadden ons geheel op een dwaalspoor gebracht. Werkelijk +is de kleeding van de nonnen in Roemenië volkomen gelijk aan die der +monniken. Zij dragen dezelfde zeer ruime zwarte pij met wijde mouwen +met een zwart wollen koord om het middel gesloten. Daaraan hangt +de rozenkrans en op het hoofd hebben ze op de kortgeknipte haren +hetzelfde stijve, ronde mutsje, iets lager echter dan bij de mannen. + +Voor profane menschen, zooals wij, zou de vergissing noodlottig +kunnen worden, te meer daar, toen wij de superieure ontmoetten, zij +ongesluierd was. De sluier wordt alleen bij plechtige gelegenheden +gedragen en bij het zingen in het koor. + +Daar zij tegenover ons de plichten der gastvrijheid wil nakomen, gaat +zij ons vóór naar de bovenverdieping en brengt ons in een eenvoudig +salon, op oostersche wijze gemeubeld, dus langs den geheelen wand +voorzien van breede divans. Een jeugdig nonnetje gaat naar turkschen +trant rond met een blaadje, waar confituren en glazen ijswater op +staan. Na eenige minuten pratens geven wij den wensch te kennen, +eenige photografieën te nemen, waarna de overste dadelijk allen om +zich verzamelt en wij ze weldra in plechtgewaad vóór den hoofdingang +der kerk bijeen vinden. + +De abdij van Horezu is een der indrukwekkendste en best in stand +gebleven kloosters van Roemenië. Eertijds een mannenklooster, is het +nu in een hospitaal veranderd onder leiding van grieksch-orthodoxe +zusters. Men moet zich dan ook niet verbazen over den droevigen +aanblik, dien op sommige tijden de pleinen en de toegangen van het +klooster aanbieden. De menschelijke ellende in haar meest afzichtelijke +vormen en van den meest weerzinwekkenden aard komt hier verlichting +van haar lijden zoeken. De zusters ontvangen ieder van den staat +niet meer dan 35 centimes per dag, terwijl de monniken het dubbele +krijgen. De regeering beweert, dat vanwege den van haar gevorderden +arbeid zij gemakkelijker in hun behoeften voorzien. + +Het klooster van Horezu werd gesticht in de laatste helft der 17_de_ +eeuw door Constantin Brancovan, voorlaatsten inlandschen woiwode +van Walachije, die in het geheim er naar streefde, zijn land van +het turksche juk te bevrijden en door de Bojaren aan den sultan werd +overgeleverd. Hij stierf te Konstantinopel den marteldood. + +Uit de verte lijkt het klooster een middeleeuwsch kasteel, met zijn +grooten toren en de overblijfselen van versterkingen. Maar pas heeft +men het binnenplein betreden, of alles verandert van aanzien. + +Prachtige boomen werpen er hun schaduw over de gebouwen, welker +bovenverdiepingen uitkomen op een rijke zuilengalerij, en naast +de vroegere appartementen van den vorst springt een keurig klein +paviljoentje naar voren. + +De kerk staat, als bij de meeste kloosters hier, midden op het +plein. Zij is in zeer zuiveren romaanschen stijl opgetrokken, naar +ons wordt verzekerd. Feitelijk is het de byzantijnsche, eenvoudig en +streng van aanzien, zonder overlading met versierselen. Het portaal +is rijk versierd met schilderwerk op gouden grond. Dit mooie kerkje +diende met dat van Curtea de Arges als model voor het roemeensche +paviljoen op de laatste parijsche tentoonstelling. + +Op den weg naar Romnicu waren verscheiden dorpen feestelijk getooid. Er +is iets origineels in die kalme feestelijkheden, in dolce far niente +gesleten. De vrouwen groepeeren zich aan den eenen kant van den weg, +de mannen aan den anderen. Als de tijd voor dansen daar is, voegen +zich de groepen te zamen, en men kan zich moeilijk iets bekoorlijkers +voorstellen dan die aardige dorpstooneeltjes. Maar de menschen zijn +uiterst beschroomd en verlegen, en als men van hun pleizier getuige +wil zijn, moet men de grootste discretie in acht nemen. + +Wij houden stil in het dorp Tomsani; en omdat het moet, maar ook om +de stijfheid uit onze beenen te loopen, leggen wij te voet een visite +af in het klooster van Bistritza. + +Dat uitstapje, zoo hoog geprezen door onze gidsen, en waarvan het +heette, dat er een uur mee gemoeid was, kost ons drie volle uren. Daar +wij het midden op den dag waren, in de brandende zon, worden we er +haast wanhopig onder. + +Maar er is veel schoons in het dal te bewonderen. Hooge, met +bosschen bedekte bergen omsluiten den horizon en langs den weg staan +boerenhoeven, waarin en waaromheen alles welvaart ademt. Op de rustieke +binnenplaatsen zijn in de dichte schaduw vrouwen in haar bijbelsche +kleederdracht bezig. Ze hebben volle klossen in de hand en spinnen +de voor 't huisgezin bestemde wol. + +Maar de aanblik dier bekoorlijke tooneeltjes stelt mij niet schadeloos +voor de vermoeienis, die de slecht gebaande weg mij bezorgt, een weg +vol kuilen en zonder eenige schaduw. + +De abdij van Bistritza, tegenwoordig in een militaire school +herschapen, bezorgt ons een heele ontgoocheling. Bij 't binnenkomen +krijgt men den indruk van een imposant gebouw, doch het is stijlloos +en, laat ons het maar zeggen, onbelangrijk. De dienstdoende officier +is daarvan zoozeer overtuigd, dat hij zich ertoe bepaalt, ons een +bezoek aan den waterval voor te stellen, die in een holte van de +rots achter het klooster neerschuimt. Na de teleurstelling, zoo juist +ondervonden, lacht ons die tocht niet toe, en wij keeren haastig op +onze schreden terug. + +Wij ontmoeten een boer, die na wat heen en weer praten erin toestemt, +ons zijn karretje te leenen en zijn paard, terwijl zijn buurman ons een +pony zal bezorgen, om de zaak volledig te maken. De kar is een soort +van birdj; twee planken, aan beide kanten met touwen vastgemaakt, +zijn de banken en bij wijze van tapijt hebben we een dik bed van +geurig hooi. + +Wij rijden hortend en stootend weg. Bij elken modderpoel, en er waren +nog al zoo eenige, worden wij door elkander geslingerd, en tot tweemaal +toe werd onze koetsier, een kereltje van een jaar of vijftien, buiten +den wagen geworpen; maar hij klemt zich vast aan den dissel en springt +weer vlug op zijn plaats met een lenigheid als van een eekhoorn. Wat +ons aangaat, wij klemmen ons aan de banken vast met het vooruitzicht, +ons als geradbraakt te zullen voelen, wanneer we onze plaats van +bestemming hebben bereikt. + +Plotseling, _krak_, gaat het, _krak_! De achterbank is gebroken, +daar liggen wij op het hooi onder in den wagen. In dien hopeloozen +toestand vindt ons eindelijk onze koetsier van Horezu, die, ongerust +over ons lang uitblijven, ons tegemoet gereden was, zoo ver als de +slechte toestand van den weg het hem vergunde. + +Tusschen Pomsani en Romnicu is het landschap prachtig, vol dichterlijke +woestheid. Het is een reusachtige steenwoestijn, waar wij doorheen +moeten. De hooge keten der Karpathen blijft ons links op zij, en +de voorbijgangers zijn al even zeldzaam als de woningen langs den +weg. Zwervende honden loopen er rond, en enkelen zagen wij bezig bij +het lijk van een onderweg achtergelaten paard. Er is in het landschap +iets sombers en doodsch. Eerst als wij het dal der Olt naderen, begint +de streek er anders uit te zien, en de groote kruisen, aan den weg +geplant, toonen dat er dorpen in de buurt zijn en dat de woestijn +ten einde is. + +Bij een dier dorpen houden wij stil vóór een boerenherberg, die er +vrij onzindelijk uitziet. Bij den ingang liggen bloedende resten van +de slacht, en honden, veel honden zwerven er rond, om zich op die +walgelijke prooi te werpen. + +Maar in het dal der Olt wordt het landschap vroolijk en vriendelijk, +en aan den horizon verrijzen met bosschen bedekte bergen. Boerenwagens, +met vurige kleine paardjes bespannen en overhuifd door een grooten kap, +komen uit de stad terug en uit de wijde vooropening kijken aardige, +kleine, bruine gezichtjes, waar groote, zwarte, intelligente oogen +uit lichten. Iets verder toonen zware karren met blokken steenzout, +dat wij in de nabijheid der beroemde zoutbergwerken van Ocna zijn. Wij +hadden ons voorgesteld, er een bezoek te brengen; maar reeds valt +de avond, en om zes uur worden de zoutwerken gesloten. Wij zullen +bovendien nog gelegenheid hebben, die van Slanic in Prahova te zien, +die, naar het heet, de belangrijkste en mooiste uit Roemenië zijn. + +Het stadje Ocna, waarvan wij spoedig de eenige en zeer breede straat +doorrijden, schijnt wel druk en aantrekkelijk. Mag ik het bekennen? Na +het slechte logies van de laatste dagen voelen we ons een beetje +treurig, dat wij hier niet bij de geneugten van Ocna kunnen blijven, +tusschen die lachende villa's, waar elegante menschen op de balkons +en veranda's te zien zijn. Wij hebben echter pas onzen spijt onder +woorden gebracht, of daar zijn we alweer in het open veld tusschen +gescheurde en vuile en gelapte tenten, waaromheen een dichte menigte +Zigeuners krioelt. Zij zien er verbazend woest en onheilspellend uit, +en hun optreden verschilt veel van de zachtheid en goedmoedigheid +der Zigeuners, die wij tot nu toe in Roemenië hebben ontmoet. + +Na drie kwartier rijdens komen we in Romnicu. Dat is een echt +roemeensche stad. De hôtels met hun galerijen langs de eerste étage, +gebouwd om binnenpleinen als echte, oostersche karavanserai's; +de theaters in de open lucht, waar drama's en vaudevilles worden +opgevoerd; de restauraties, waar Turken met reukwerk uit het serail +rondgaan; tot de nachtwachts toe, die met geregelde tusschenpoozen +een scherp en snijdend gefluit doen hooren, dat in de slapende stad +de echo's wekt juist als 't geroep der schildwachten in vestingen, +dat alles geeft aan Romnicu een zeer bijzonder karakter. + +Geleund tegen het gebergte, ziet het stadje de rijke vlakte van de Olt +vóór zich uitgespreid met reuzenvelden van tarwe en maïs. Roemenië +brengt, naar men weet, in overvloed koren voort en voert jaarlijks +een massa daarvan uit. Maar de boeren bebouwen het land slecht; ze +verbranden mest en vertrouwen enkel en alleen op de vruchtbaarheid +van den grond. Daar zij buitendien in 't geheel geen begrip hebben +van sparen of van zuinigheid, komt er, indien de oogsten door +overstrooming, hagel of droogte mislukken, dadelijk hongersnood in +het land. + +In Servië is bij een wet van 1889 vastgesteld, dat in elke landelijke +gemeente gemeenschappelijke voorraadsschuren moeten worden aangelegd, +die bestemd zijn de gevolgen van schaarschte aan voedingsmiddelen +te voorkomen, en die in geval van oorlog ook moeten dienen voor de +behoeften van het leger. + +Ieder belastingplichtig Serviër moet jaarlijks 90 K.G. maïs en +evenveel kilo's graan storten. Als een boer door het een of ander +ongeval gebrek heeft aan levensmiddelen, ontvangt hij van den +gemeenschappelijken voorraad wat hij voor voeding en zaaisel noodig +heeft, op voorwaarde, dat hij het volgend jaar teruggeeft, 't geen +hij voor zijn oogenblikkelijke behoeften in voorschot heeft gekregen. + +Die instelling bleek van onbetwistbaar nut in den servisch-bulgaarschen +oorlog en bij de overstroomingen van 1897, die even noodlottig waren +voor Servië als voor Roemenië. Bij de Roemeniërs echter vond men niets +van dat alles, en dit gebrek aan voorzorgen plaatst hen op een lager +standpunt. Gelukkig is thans een wetsontwerp aangeboden in den geest +der servische wet. + +Graan is niet het eenige uitvoerartikel uit het district Romnicu. Deze +geheele hoek van de Karpathen bezit mineralen in overvloed, goud, +zilver, kwikzilver, ijzer, koper, arsenicum en lood; maar tot nu toe +worden die schatten bijna niet geëxploiteerd. + +Van Romnicu uit wordt meestal het uitstapje gemaakt naar den pas van +den Rooden Toren. Die weg is te allen tijde de groote strategische +route naar Walachije geweest; hij gaat over de Alpen op de plaats, +waar zij hun grootste hoogte bereiken en waar zij den indruk van de +grootste woestheid maken. Het is de natuurlijke weg voor invallen in +het land, en Trajanus volgde hem, toen hij de Daciërs overwon, evenals +de Turken er gebruik van maakten bij de verovering van Hongarije. + +Die lange bergpas, waar wij door zullen gaan, is door alle eeuwen der +geschiedenis heen telkens getuige geweest van heldhaftigen strijd. Maar +van dat verleden vol bloed en vol glorie zijn nu nog maar zeer weinig +sporen over. + +Vier lustige paardjes, vóór elkander aangespannen, brengen ons in +vier-en-een-half uur bij den Rooden Toren, op 64 K.M. afstands van +Romnicu. Bij 't verlaten der stad heeft men een zeer ruim uitzicht +over het dal van de Olt, dat op die plek bijzonder breed is. Daarna +nadert men snel de donkere Karpathen, en welkom is het oponthoud in +het aardige, kleine stadje Calimanesti, bekoorlijk gelegen en met +minerale, zwavelhoudende bronnen in de buurt en andere, die staal en +jodium bevatten, zoodat ze jaarlijks een groot aantal badgasten lokken. + +De kleeding der vrouwen heeft in dit deel van het dal een eigen +karakter. Haar _castrinza's_ zijn met veelkleurige pailletten bestikt +en fonkelen daardoor, als de zon erop schijnt, en haar sluiers, altijd +van zeer licht en doorschijnend weefsel, vertoonen allerlei tinten; +men ziet ze in groen en geel, in rose en bruin. + +Dichtbij Cozia wordt het landschap grootsch; vulkanisch gesteente in +zware vreemd gevormde rotsen komt tot dichtbij den weg. Wij passeeren +het klooster van Cozia, welks kerkje op de rots ter linkerzijde troont, +terwijl rechts zich de oude, nu gerestaureerde en in gevangenis +herschapen kloosters verheffen. Voorbij Cozia sluiten hooge, steile +rotsen den weg al nauwer in, terwijl de Olt ernaast voorbij bruist, +zooals zij ons langs den geheelen pas zal blijven vergezellen. + +Aan den anderen oever vestigt de koetsier onze aandacht op de nog zeer +duidelijke sporen van den grooten, romeinschen weg op een grooten, +afzonderlijk liggenden steen, die, van den berg losgeraakt, over +de rivier hangt. Het is de Tafel van Trajanus. De legende zegt, +dat boven van dien steen af, waar hij zijn tent had opgeslagen, +Trajanus toezag op het voorbijtrekken van zijn zegevierende legioenen. + +Arenden zweven boven onze hoofden en dalen langzaam op en tusschen +de verbrokkelde rotsen om ons heen. Dichte boomen overschaduwen den +eenzamen weg, en de zeer in 't nauw gebrachte Olt bruist en schuimt +als een woedende bergstroom. + +De weg behoudt dat woeste en grootsche karakter over een afstand van +17 à 18 K.M. Het is altijd de strijd tusschen den stroom, die zich +een doortocht banen wil, en de rots, die hem den weg verspert. Vandaar +de tallooze bochten en kronkelingen, die wij hebben te volgen in den +loop van de rivier. + +Daarna treden langzamerhand de bergen weer terug, en armoedige +dorpjes krijgen ruimte aan de kalmer geworden Olt. Daar ligt vlak +aan de rivier een ruïne van een romeinsch fort, waar een herberg zich +geïnstalleerd heeft. Hooger, op den top van een heuvel vindt men de +overblijfselen van het kasteel Landskron, van waar het gezicht op het +dal buitengewoon prachtig is. Veel kudden ossen, buffels en schapen +vinden er uitstekende weiden. Wij komen nu bij de Fogarasbergen, den +Surul en den Negoï met scherpe toppen, waarvan de uitgetande vormen +somber afsteken tegen een donkeren onweêrshemel. Bij een vernauwing +van het dal doen zich, gekleefd aan de rots en over den weg hangend, +de ruïnen voor van den Rooden Toren, die zijn naam aan den bergpas +heeft gegeven. Volgens de legende was dat fort eenmaal zoo rood van +het bloed der Turken, dat de witte muren onder de roode kleur als +verdwenen, en ter herinnering aan dien bloedigen dag heeft men de +muren helder rood geverfd. + +Romnicu is 34 K.M. verwijderd van Curtea de Arges, dat herinnert aan +Radu Negru, den eersten woiwode van Walachije, die in 1244 er zijn hof, +_curtea_, aan de rivier de Argis vestigen kwam. Hij is echter niet, +zooals de overlevering wil, de stichter van het klooster, dat niet +hooger dan tot 1512 opklimt. De kerk, gebouwd door Radu Negru, is +de "Biserica Domneasca," vorstelijke kerk, in het midden der stad +gelegen. Zij dreigt in puin te vallen, en daar ze noodzakelijke +reparaties moet ondergaan, wordt zij aan alle zijden gestut. + +Maar de parel van Curtea is de prachtige, witte kerk, die schittert +onder haar vergulde koepels en, een kwartier van de stad verwijderd, +op een alleenstaanden heuvel ligt, de kerk namelijk van het klooster +en waarvan beweerd is, dat zij alleen de reis naar Roemenië waard was. + +De schepper van dit architectonisch kunstwerk, waarin de byzantijnsche +kunst iets moois geleverd heeft, met herinneringen aan arabische en +perzische bouwwerken, is vorst Neagu Voda Bessaraba, die in 1513 in +Walachije regeerde. In zijn jeugd werd hij als gijzelaar mee naar +Konstantinopel genomen. De sultan vatte genegenheid voor hem op +en liet hem in de bouwkunde onderrichten door een man van talent, +Manoli de Niaesia, met wien hij o.a. een der groote moskeeën van +Konstantinopel bouwde. In zijn land teruggekeerd, ontwierp hij de +kerk van het klooster. Hij gebruikte er een zeer fijnen zandsteen +voor uit de in de buurt zijnde groeven van Albesci. + +Behalve haar kerken heeft Curtea de Arges weinig aantrekkelijks voor +den vreemdeling. Monniken met lange haren en lange baarden ziet men +overal loopen. Hun kleeding is onberispelijk en vormt een sterke +tegenstelling met het armoedig aanzien van de monniken der andere +kloosters. Zij treden echter zeer eenvoudig op, spreken graag met +het volk, dat groote achting voor hen schijnt te koesteren en hen +met den diepsten eerbied behandelt. + +In de eenige straat van de stad wordt op het oogenblik een groote +vischmarkt gehouden. Er waren hoopen kolossale karpers onder zware +blokken ijs, karpers, die de Donau bij het hooge water van de laatste +dagen in haar zijtakken heeft opgestuwd en die toen spoedig in de +netten van de visschers zijn geraakt. Die visschen, waarvan het +gemiddeld gewicht tien à twintig kilo bedraagt, worden in groote +mooten verkocht. Men betaalt 30 centimes per kilo. + +Wij moeten nog een tocht maken, voor we te Boekarest komen, namelijk +naar Kampolung. Gewoonlijk gaan de reizigers daarheen per spoor over +Pitesci en Golesci; maar wij geven de voorkeur aan den rijweg, die +afwisselend en eigenaardig moet zijn. + +Om half acht 's morgens zijn we voor de expeditie gereed. Nauwelijks +zijn we een uur onderweg, of wij ondervinden een reeks van +teleurstellingen. De rivieren, door de laatste regens verbazend +gezwollen, zijn niet over te trekken, omdat een paar bruggen zijn +weggeslagen, en wij moeten een lastigen omweg maken en toch nog per +rijtuig door de bedding van een stroom gaan, waar het water zoo hevig +bruist, dat wij kans loopen meegesleurd te worden. Rondom ons is niets +dan een zeer armoedige streek, de hoeven en hutten en kapelletjes +zijn in den treurigsten staat van verval, en men vraagt zich af, of +de een of andere ramp dit stukje aarde geteisterd heeft, waar niets +overeind staat en alles aan vernieling schijnt prijs gegeven. Buiten +een paar visschers, die naar de rivier zijn afgedaald en groote netten +vasthouden, zien wij geen enkelen bewoner. Eerst bij Domnesci begint +er weer leven in de omgeving te komen. + +Dat is intusschen slechts een arm dorpje, doch bij gelegenheid van +den Zondag zijn allen er op hun mooist uitgedost. Zoodra wij onze +photografietoestellen voor den dag halen, gaan ze op de vriendelijkste +manier om ons heen staan. Wij hebben slechts een wenk te geven, +en de brave menschen plaatsen zich in een groepje, blij voor ons te +mogen poseeren. Er zijn zelfs enkele jongelui, voor wie het objectief +zooveel aantrekkelijks heeft, dat ze ons op den voet volgen, zoodat +wij genoodzaakt zijn listen te gebruiken, ten einde hen niet op al +onze cliché's terug te vinden. De dorpskerk, sierlijk overschaduwd +door een groep groote boomen, staat op een plein, waartoe een poort +van eigenaardigen stijl toegang geeft. Ofschoon die poort bij een +ellendig dorpje, verloren in de bergen, behoort, is zij versierd met +bekoorlijke engelen-figuurtjes en beelden van heiligen met opschriften +en bloemslingers, werkelijk van kunstzin getuigend. Ze zijn afkomstig +van rondtrekkende kunstenaars, die, door dezelfde figuren herhaaldelijk +te maken, er groote geoefendheid in kregen. + +De pope van het dorp stak den weg over en kwam juist bij zijn huis +met een brood onder den arm. Hij zag er zeer armoedig uit in zijn +verkleurd geestelijk gewaad en met zijn hooge, bruine muts, zoodat wij +instinctief onze camera op hem richtten. Maar 't was of een beschroomde +eerbied ons weerhield tegenover die waardige en fiere armoê, die zich +voor onze blikken scheen te willen verbergen. Die dorpsgeestelijken +zijn brave, waardige menschen, niet geleerd, meestal bemind bij hun +medeburgers, wier droevig lot zij deelen, maar op wie zij gewoonlijk +weinig invloed hebben. + +Als men de hellingen van het dal van Domnesci bestijgt, bespeurt +men bijna op den top van een berg de schitterende koepels van een +dorpskerk. Dat is de kerk van Slanic, een net en sierlijk dorpje, +dat sterk afsteekt tegen de armoedige en weinig bevolkte streek, die +wij pas zijn doorgereden. Dit heele dorpje is een beeld van welvaart +en opgewektheid. Groote boerderijen bestaan uit veel gebouwen met +flinke binnenpleinen, waar alles goed is onderhouden. Mooie jonge +meisjes loopen af en aan, in huishoudelijke drukte, te midden van +kippen, eenden en kalkoenen, op 't oogenblik de eenige aanwezige +dieren. Gedurende den geheelen zomer is het groote vee afwezig; +het graast in vrijheid op de bergen, 's Avonds wordt het binnen +omheiningen opgeborgen zonder eenige beschutting tegen het weder. + +Zoodra wij Slanic achter ons hebben gelaten, begint weer de +eenzaamheid. Herders met hun kudden en troepjes arbeiders, die onder +boomen liggen te rusten van den zwaren veldarbeid, zijn de eenige +levende wezens, die wij onderweg ontmoeten op het laatste traject, +dat ons nog van Kampolung scheidt. De weg loopt door een reeks van +poëtische dalen op de Karpathenhellingen, en in de verte zien wij +de koeien grazen in de schaduw van forsche berken. Links altijd de +wazige en blauwe keten der Transsylvanische Alpen. Maar nergens huizen +of hutten, en rondom doodelijke stilte. Eindelijk, tegen vier uur in +den namiddag, rijden wij Kampolung binnen. + +Dat is een aardige plaats, al belangrijk ten tijde van Radu Negru, +den stichter van het vorstendom Walachije. Er bestaan nog slechts +enkele sporen van het oude vorstelijk paleis, maar het groote +klooster, dat hij aan den ingang van de stad liet bouwen, bestaat +nog, al heeft het groote veranderingen ondergaan. Een 40 M. hooge +en 6 M. breede romaansche toren geeft toegang tot het binnenplein +van het klooster. Die imposante toren, welks stijl den invloed van +de Longobarden in de herinnering roept, heeft veel karakter. Het is +dan ook een der oudste en beroemdste monumenten in Roemenië. De stad +is zoo zindelijk, ligt zoo mooi, en de lucht is er zoo opmerkelijk +zuiver, dat jaar op jaar veel burgers uit de groote steden er den +zomer komen slijten. + +Van de hoogten rondom het plaatsje heeft men een prachtig bergpanorama +voor oogen. Wij zijn hier zeer dicht bij de Karpathen, en de dalen, +die daarvan uitgaan, zijn evenveel aanleidingen voor afwisselende +uitstapjes. Het stadje, hoewel niet groot, heeft toch zijn +Zigeunerwijk, een heele straat, niet ver van het klooster. Wat dat +een zonderlinge straat is, vooral tegen den avond, als alle woningen +wijd openstaan en de roode schijnsels van hun smidsvuren naar buiten +werpen, waar schoone vrouwen in lompen, maar met prachtige zwarte +oogen in het bleeke gelaat en engelachtige halfnaakte babies voor +heen en weer loopen. Groote, magere mannen met gebronsd gelaat slaan +in de helle verlichting van de vuren het ijzer; anderen bewegen +de blaasbalgen. Dit is de werktijd van die paria's, want hun zware +arbeid is niet doenlijk tijdens de hitte van den dag, en eerst tegen +het vallen van den avond wordt het levendig in die wijk. + +Het uitstapje naar den pas van Dimbo-viciora is de verplichte +aanvulling van elk verblijf te Kampolung. Die kloof is een der +beroemdste en meest bezochte van dit deel der Karpathen. + +Van Kampolung af is het een aanhoudende reeks van prachtige uitzichten, +vreemde horizons, waar de bergketenen achter elkander schuiven tot in +de verste verte. In het dorp Rocaru rijden wij over de Dimbovitza, +die wij naast ons zullen houden op den weg tot aan de grot van +Dimbo-viciora. De witte rots, die opstijgt uit de bedding en geheel +met groen begroeid is, vormt een aardige omlijsting van dit mooie +riviertje met kristalhelder water. + +Dan naderen wij snel den hoogen, verweerden muur, die ons al eenigen +tijd het uitzicht beneemt en waarin wij den ingang moeten zoeken van +de beroemde kloof. Pas zijn wij er binnen getreden, of een wondermooi +schouwspel treft ons oog. Torens en spitsen en ruïnen van schoone, +lichtrose tint staan om ons heen in de engte der spleet en boven ons +hoofd hangen slingers van groen langs de steile wanden. + +Bij den uitgang der kloof wordt het landschap rustiger; wij zien er +weiden en enkele houten hutten. Bij een dier laatste houden wij stil, +en een jonge knaap geleidt ons naar de grot van Dimbo-viciora, weer +door een doolhof van rotsen. De opening van de grot ligt in een woeste +omgeving, maar de geestdriftige beschrijvingen, die men ervan leest, +zijn overdreven en wij vinden haar nauwelijks een bezoek waard. Een +paar bergbewoners met dunne kaarsen bieden aan, mee te gaan; men +verwacht iets fantastisch en ziet niets dan een hol van 15 à 20 +M. diepte, met enkele stalactieten en geelwitte stalagmieten. + +Na dit uitstapje, waarvan enkele gedeelten aan de Bastei +in Saksisch Zwitserland herinneren, bezoeken wij een klein +bescheiden nonnenklooster, de abdij van Namaesci, dat door deze +bijzonderheid gekenmerkt wordt dat de kerk geheel is uitgehouwen +uit een monolieth. Alleen de toren en een klein voorportaal zijn +metselwerk. Al het inwendige is in de rots uitgehouwen, waar men +overheen kan loopen en waar men een prachtig panorama vóór zich +ziet. Wij zeggen Kampolung vaarwel. Een zijlijn van den spoorweg voert +ons naar Golesci, waar wij de groote lijn naar Boekarest terugvinden. + + + + +III. + +Boekarest, aanzien van de stad.--De zoutmijnen van Slanic.--De +petroleumbronnen van Doftana.--Sinaïa, wandeling in het bosch.--Busteni +in het kroondomein. + + +De entrée in Boekarest is voor den vreemdeling een teleurstelling. Van +het station zich begevend naar het midden der stad, gaat men door +straten, die tot de primitiefste dorpen konden behooren, straten, +waar instortende huizen en schunnige winkels aan gelegen zijn en waar +de trottoirs onder hoopen vruchten en groenten verborgen zijn. Maar +spoedig wordt die indruk weggevaagd. Op die onfrissche voorsteden +volgen prachtige straten, waaraan weelderige gebouwen staan, niet +onderdoend voor die der grootste europeesche steden. + +De Roemeniërs zijn zeer trotsch op hun hoofdstad en roemen graag +het comfort, dat men er geniet. Zij vergelijken met een zekeren +nationalen trots hun bewonderenswaardig geplaveide straten en hun +openbare pleinen met de afschuwelijke straten van Belgrado, waar men +na een kwartiertje rijdens in al zijn leden pijn gevoelt. Ze noemen +Boekarest dan ook graag het Parijs van het Oosten. Reeds in 1864 zei +de heer de Blowitz, toen hij terugkeerde van een oostersche reis: +"Ik geloof niet, dat er in de wereld een tweede stad bestaat, die +even trouw als Boekarest het land, waarvan zij de hoofdstad is, +weerspiegelt.... Boekarest levert thans een levend en merkwaardig +beeld van Roemenië. De stad wikkelt zich los uit den chaos van +gisteren en haakt naar den luister van morgen. De lompen nemen de +kleur van het purper aan; de eerzucht wordt grooter en grooter; +dit is de nieuwgeboren hoofdstad van een nieuwgeboren koninkrijk." + +Met niet minder recht zei Carmen Sylva, de koningin van Roemenië, +in 1892: "Het oostersche en schilderachtige Boekarest, het Boekarest +met kleine, in het groen verscholen huisjes, waar men zei "het huis +van den heer Zus of van mevrouw Zoo", terwijl men de menschen bij +hun voornamen noemde, dat Boekarest verdwijnt, om plaats te maken +voor een stad als alle andere. Het heeft nog alleen een oostersch +karakter voor hen, die pas uit het Westen komen. Zij, die uit Azië +naderen, gaan met een zucht van voldoening de Donau over en zeggen: +"Gelukkig, nu zijn we in Europa!" + +Ons schijnt Boekarest nog heden den hoogmoed en de eerzucht te bezitten +van den pas onlangs vrijverklaarde, die door gloednieuwe weelde zijn +pas overwonnen staat van dienstbaarheid wil doen vergeten. Vandaar die +treffende tegenstellingen, die men telkens in de stad ontmoet, hier +lage huizen, echte zwerverskrotten, waar halfnaakte menschen uit te +voorschijn komen; daar prachtige paleizen als het Spaarbankgebouw en 't +Postkantoor, rijk versierde café's, waar de voorname roemeensche wereld +samenkomt. Aan den eenen kant winkels van oud roest als in de Leipziger +straat, waar de kooplui hun schatten zoo maar op straat uitspreiden, +en aan den anderen weelderige magazijnen van den modernsten smaak, +die met de mooiste winkels van Parijs kunnen wedijveren. + +De verschillende klassen van de maatschappij vertoonen dezelfde +tegenstellingen. Hier de lagere volksklasse, die zich nog niet heeft +kunnen vrijmaken van de vreesachtige, beschroomde manieren uit den tijd +der eindelooze slavernij; daar de klasse der rijken, die, plotseling +op den trap der moderne beschaving gekomen, de zeden en de letterkunde +uit het buitenland tracht na te doen en daardoor alle eigen karakter +mist. Zoodra men de binnenstad betreedt, krijgt men dien indruk van +plagiaat van Parijs. Het ideaal is hier Parijs, dat gecopiëerd is in +zijn bouwwerken, zijn winkels, de manieren zijner bewoners. Maar al +zijn dan de mooiste openbare gebouwen in parijschen stijl gebouwd, +de particuliere huizen zijn niet altijd in den zuiversten stijl +opgetrokken. De enkele fortuinen zijn niet bijzonder groot, en toch +wil ieder graag met iets monumentaals voor den dag komen. Vandaar die +oude gebouwen, geheel met een nieuwe pleisterlaag bedekt, die bij de +eerste vorstige winterdagen loslaat en voortdurend herstelling behoeft. + +Door zijn ligging midden in een groote, aan alle zijden open vlakte +heeft Boekarest alle ongemakken te verduren van een klimaat als het +siberische. De winter is er zoo lang en zoo streng, dat men er drie +maanden alleen per slede het verkeer onderhoudt. In den zomer stijgt +de thermometer soms tot 40° C. en de uitersten van temperatuur kunnen +soms wel 70 graden verschillen. Mooie boomen zijn er dan ook zeldzaam; +die uit het Noorden verdragen de brandende hitte van den zomer niet, +en die uit het Zuiden en Oosten bezwijken door de strenge koude van +den winter. + +De huurrijtuigen, die zeer talrijk zijn en licht en gemakkelijk rijden, +worden door twee vlugge, russische of moldavische paardjes getrokken; +de koetsiers dragen lange fluweelen jassen met gekleurde gordels om +het middel en een platte pet op het hoofd. + +Boekarest heeft slechts 250.000 inwoners, en toch is de oppervlakte +der stad gelijk aan die van Weenen, 30 K.M_2_. Als men dan ook van +de eene of andere hoogte in de buurt op de stad neerziet, treft het +groote aantal tuinen en ledige terreinen, dat zich tusschen de huizen +en de straten bevindt. Gebouwen en openbare pleinen nemen slechts +een vierde van de ruimte in. Aan den buitenkant der stad liggen +armoedige voorsteden; de eigenlijke stad ligt het dichtst bij de +Dimbovitza. Op den linkeroever heeft men de ministeries, de paleizen +en de handelswijk; op den rechteroever de kerken en de inrichtingen +van weldadigheid. + +Wij beginnen ons bezoek aan de stad met een van haar oudste kerken, de +Metropool, in neo-byzantijnschen stijl en dagteekenend van 1656. Zij +ligt op een heuvel op den rechteroever en men heeft er een prachtig +uitzicht over een deel der stad. De gebouwen van het oude klooster +staan er nog omheen; ze zijn echter gewijzigd en verbouwd, die van +links zijn nu de residentie van den metropolitaan, die van rechts +het gebouw der volksvertegenwoordiging. + +Aan den voet van den heuvel op den voorgrond van het panorama, dat +zich vóór ons ontrolt, ligt te midden van bloeiende tuinen de kerk van +Domna Balasa, de mooiste en weelderigste der kerken van Boekarest. Die +kerk, welke na de kerk van Curtea de Arges voor de merkwaardigste +uit Roemenië doorgaat, is een meesterstuk van neo-byzantijnschen stijl. + +Domna Balasa is omringd door hospitalen, evenals de kerk gesticht door +de dochter van Constantijn Brancovan, den voorlaatsten inlandschen +woiwode van Walachije. + +Het aantal hospitalen is zeer groot in Boekarest, en ten allen tijde +hebben rijke particulieren hun fortuin bij hun dood bestemd voor +het onderhoud van die liefdadigheidsinrichtingen, die de glorie van +Roemenië zijn. Hun noodzakelijkheid is vooral een uitvloeisel van +de aanraking, waarin Roemenië komt met de havens uit het Oosten, +van waar zooveel epidemische ziekten worden ingevoerd. + +Dichtbij Domna Balasa staat de kerk van Spiritoe Noe, belangrijk om +haar groote afmetingen. Dat gebouw, dat van 1858 dagteekent, heeft +een oude basiliek vervangen, waar de Fanarvorsten zich lieten kronen +bij hun terugkeer uit Konstantinopel. + +Buiten die weinige kerkelijke gebouwen biedt de rechteroever van de +Dimbovitza niet veel belangrijks aan; om een goede voorstelling van +het moderne Boekarest te krijgen, moet men zich naar den hoofdader +der stad begeven, de Calea Victoriei, die dien naam kreeg na de +russisch-roemeensche zegepraal over Turkije in 1877-78. + +Hier concentreert zich alle leven, en in deze eindelooze +straat ziet men achtereenvolgens het paleis van den koning, het +bisschoppelijk paleis, het Athenaeum, den schouwburg, de ministeries, +de gezantschapsgebouwen. De mooiste winkels liggen aan de Calea, en +vóór de voornaamste hôtels zitten aan tafeltjes langs de trottoirs +de heeren en dames, die ijs en likeuren van de beste qualiteit en de +grootste verscheidenheid genieten. Heel aan het einde van de Calea +Victoriei begint de beroemde straatweg naar Kisselef. + +Die weg, om zoo te zeggen het Bois de Boulogne van Boekarest, is de +meest gewilde promenade, en de mondaine wereld is bijna verplicht, +er zich te vertoonen. Elken dag in den winter, als de sneeuw dik ligt +op den grond, en in de lente, die met snellen overgang op den strengen +winter volgt, is er in de breede lanen van twee à vier uren lengte, +een ongehoorde weelde te zien van sleden en rijtuigen. In den zomer +zijn de wegen geheel verlaten, en de rechte, eenzame lanen zonder +schaduw, waar de zon brandt door de magere, krachtelooze boomen brengt +den reiziger niet in verrukking. + +Bij 't begin van den weg staat het paleis van den oud-minister +Stoerdza, hoofd der liberale partij. Dit kolossale paleis, hoewel +wat overladen versierd, is toch een zeer indrukwekkend gebouw. Het +staat tegenover den boulevard Coltei, nog onlangs aangelegd, en men +ziet er een reeks van nieuwe hôtels, alle wit en van origineelen +bouwtrant. De meeste zijn het eigendom van rijke particulieren; maar +net als de weg is ook die boulevard verlaten, en de bezitters van +die vriendelijke paleizen zijn verspreid over de in Roemenië meest +gezochte lustverblijven. + +Maar al die nieuwe wijken, hoe verlokkend zij er ook mogen uitzien, +hebben niets, wat aan een eigen verleden herinnert, en men moet het wel +betreuren, dat de Roemeniërs in hun eerzuchtig streven om Boekarest +op één hoogte te brengen met de groote, westersche steden, een ware +woede van afbreken aan den dag hebben gelegd, zoodat bijna ieder spoor +van vroegere tijden verdwenen is. Wat de oorlogen hebben gespaard, +vernielen de menschen steeds nog in hun zucht om hun hoofdstad op +te tooien. + +Toch is er een juweel van een klein kerkje over, dat trots zijn +vervallen voorkomen nog voor den griekschen eeredienst gebruikt +wordt; dat is de Straviopolis. Dat gebouw, tweehonderd jaar oud, is +opgetrokken in een byzantijnschen bastaardstijl, met een merkwaardigen +arabischen voorhof, waarin men drielobbige boogvensters ziet, die +aan den moorschen stijl ontleend zijn. Motieven, ontleend aan den +arabischen stijl, komen trouwens zeer veelvuldig in Roemenië voor en +vormen een der karakteristieke trekken van de roemeensche bouwkunst. + +Laat ons het tochtje door de stad besluiten met een bezoek aan +de Universiteit, die, buiten de lokalen voor de faculteit der +theologie, der medicijnen enz. een groote zaal bevat, bestemd voor +de vergaderingen van den roemeenschen Senaat, en dan verschillende +musea. In het Oudheidkundig Museum vinden wij de prachtige oude +fresco's uit de kloosters, kostbare handschriften en geborduurde +tapijten. De parel van dit museum is de schat van Petrossa, anders +gezegd die der Gothen. Die kostbare verzameling bestaat uit tien +stukken van massief goud uit de elfde eeuw onzer jaartelling. Zij +werd in 1837 ontdekt door werklieden, die haar voor lagen prijs aan +voorbijtrekkende Zigeuners verkochten. Die laatsten onderzochten den +aard van het metaal door met de bijl verscheiden van de voorwerpen +stuk te slaan, o.a. een prachtigen schotel met reliëffiguren, nu nog in +'t museum aanwezig. Onder de stukken, die aan de vernieling ontkwamen, +moet genoemd een diadeem, versierd met groote granaten, een beker, met +edelgesteenten opgelegd, een massieve ring en een groote lampetkan. De +ontdekking van den schat was een belangrijke archaeologische vondst. + +Men kan Boekarest niet verlaten, zonder Cotroceni te bezoeken, het +eerste paleis van den koning van Roemenië, nu nog residentie van den +erfprins Ferdinand van Hohenzollern. Het paleis, omringd door tuinen, +ligt een eindje buiten de stad op een boschrijken heuvel. + +Het is een oud klooster, in 1679 gesticht door een lid van het +grieksche geslacht Cantacuzenos, en ofschoon het huis verbouwd en zeer +verfraaid is, heeft het zijn kloosterachtig aanzien behouden; het +ziet er nog koud en streng en somber uit. Men treedt er binnen door +een groote gewelfde poort, die naar een eerste plein leidt, waar de +cellen en kloostervertrekken in bediendenkamers zijn veranderd. Midden +op een tweede plein staat de kerk, waarachter het paleis als verborgen +is met zijn majolica-versiering van bloemslingers en figuren. + +Het inwendige, dat wij tot in détails mochten bezien, is zeer rijk +en smaakvol ingericht met alle moderne weelde en comfort. De groote +hal vertoont de jachttrofeeën van den vorst, beren, wilde zwijnen, +arenden, korhoenders. In de studeerkamer ziet men veel zeekaarten, +doorsneden en plannen van schepen, aanwijzingen van den smaak en +de bij voorkeur gevolgde studie van den erfgenaam der kroon. Op de +eerste verdieping zijn de huiselijke vertrekken, boudoirs en salons, +leerkamers der jeugdige prinsen, hun speelkamer met allerlei kostbaar +speelgoed. Dat alles is aardig en vriendelijk en vormt een groote +tegenstelling met het strenge aanzien van den gevel. + +Tusschen Boekarest en Sinaïa ligt Slanic, waar men een der +belangrijkste zoutmijnen van Roemenië vindt. Een zijlijn van den +spoorweg, op de hoofdlijn geënt, voert er ons rechtstreeks heen. + +De lagen steenzout strekken zich in onafgebroken lagen, maar op +verschillende hoogten uit langs de geheele moldavische en walachijsche +hellingen der Karpathen. Zoo ziet men te Rimnik Sarat in Moldavië +een berg van zout in de zon schitteren; in andere streken liggen de +zoutlagen op den grond; maar in de meeste gevallen moet men tot tien, +twintig, zelfs dertig meter diep graven. Sommige lagen zijn niet +dikker dan twee à drie meter; doch de meeste zijn veel dikker. + +Het roemeensche zout vormt een der groote rijkdommen van het land, +en het zou eeuwen lang in de behoeften van heel Europa kunnen +voorzien. Over het algemeen is het zeer wit en doorschijnend, +maar de qualiteit is niet overal dezelfde, en men vindt in de beste +zoutgroeven aders met zwartblauwe strepen erin. Die strepen wijzen op +de aanwezigheid van leem, en het zout uit die groeven is niet voor de +consumptie bestemd; het wordt alleen voor den landbouw gebruikt. Soms +ook treft men in enkele lagen petroleumhoudende gedeelten aan, die +een karakteristieken geur bijzetten aan het zout, een geur, dien men +zelfs terugvindt in het brood, waar dat zout in gebakken is. + +Sedert 1862 heeft de staat de exploitatie van het steenzout aan +zich getrokken; het is een monopolie geworden. Daar de productie +in de laatste tijden te overvloedig was, heeft men het werk in de +mijnen van Doftana laten rusten. Zij brachten jaarlijks 25000 ton +op, maar het zout was blauwer en minder goed dan van Slanic. Dus +zijn op 't oogenblik alleen in exploitatie de groeven van Slanic, +van Targul. Ocna en van Ocna-Mare. + +De tegenwoordige diepte van de Slanicmijn is 100 M. Bij het dalen van +den bak, waarin men wordt neergelaten, ziet men op 20 à 30 M. diepte +een eerste galerij, en weldra komt men beneden in de groote zaal, die +uitgehouwen is tot een prachtig gewelf van 60 M. hoogte. Men meent +in een marmeren kathedraal te zijn, waarvan de wanden schitteren in +den bleeken schijn van groote electrische lampen. De muren gelijken +verwonderlijk veel op ongepolijst marmer, en als om de illusie +volkomen te maken, heeft men langs de enorme zijden der zalen gedeelten +uitgespaard en laten vooruitspringen als zware vierkante zuilen. + +Driehonderd arbeiders, alle in het wit gekleed, werken in die ruime +zaal; enkele hebben alleen een broek aan, want de arbeid is zeer +inspannend. Het zout wordt uitgegraven naar beneden uit den bodem, +die daardoor steeds lager komt te liggen. Van den wand af tot het +smalle paadje in het midden voor de passage van de wagentjes worden +met het houweel evenwijdige groeven gemaakt op 60 cM. afstands van +elkander, die 20 cM. breed en 50 cM. diep zijn. Daarna maakt men +door middel van zware hefboomen, door twee of drie mannen bewogen, +groote blokken los, die daarna in stukken van 25 à 50 K.G. worden +verdeeld. In de zaal, die wij bezoeken, wordt het werk verricht door +vrije mannen; maar in de afzonderlijke galerijen zijn dwangarbeiders +bezig. Vóór 1848 mochten die ongelukkigen, als ze eenmaal in de mijn +waren neergelaten, niet meer naar het daglicht terug, en zeer weinigen +van hen hielden die barbaarsche behandeling meer dan drie of vier +jaar uit. Tegenwoordig is hun leven dragelijk geworden, en dagelijks, +in den winter na acht en in den zomer na twaalf uren werkens, keeren +zij naar de gevangenis terug. Buitendien ontvangen ze een belooning +van 60 à 80 _bani_ per dag. + +Het zout van Slanic heet het mooiste van Roemenië, en alleen deze +groeven leveren dagelijks 300,000 KG. zout. Het wordt in tweeërlei +vorm verkocht, òf in groote, vormlooze blokken òf gestampt en in +zakken verpakt. Na Servië zijn Bulgarije en Rusland de voornaamste +afzetgebieden. + +Nauwelijks hebben wij Slanic achter ons gelaten, of we komen in het +petroleumgebied. Aan alle stations staan tankwagens, die een akeligen +stank verspreiden. Wij zijn in het district Prahova, dat den eersten +rang inneemt onder de petroleumdistricten van het rijk. + +Van Campina, waar wij stilhouden, gaan we per rijtuig naar Doftana, +om de putten te bezoeken en de raffinaderijen. Als wij dicht bij het +dorp komen, verkondigen zware buizen, die langs den weg liggen en een +vettig, slijkig vocht uitzweeten, de nabijheid van het industriëele +middelpunt aan. Wij moeten uitstappen bij de Doftana, die zoo laag is, +dat er een massa rotsachtige eilandjes worden gevormd, waar het water +snel tusschen doorstroomt. Een houten brug leidt over den stroom. Om +die te bereiken, moeten wij vijf minuten lang loopen op den smallen +rand van den muur, die langs de rivier loopt en het water in den tijd +van hoogen waterstand tegenhoudt. + +Maar ons rijtuig, dat natuurlijk dien acrobatenweg niet kan volgen, +moet in de rivier rijden, er de doorwaadbare plaatsen zoeken en langs +allerlei kronkelwegen den tegenoverliggenden oever bereiken. Hier +zijn wij in het gebied der exploitatie. Rechts en links en aan alle +kanten om ons heen wijzen hooge houten boortorens de putten aan, +die in werking zijn. De grond is geheel doortrokken met petroleum; +de lucht is verzadigd van den damp, en de boomen in de buurt zijn +alle bladerloos. Evenals in den Kaukasus en in Amerika geschiedt +het boren der putten door middel van den derrick. Men ziet slechts +zelden in Roemenië bronnen, die onder den druk der ontwikkelde gassen +de vloeistof hoog boven den grond doen opspuiten. Gewoonlijk heeft +men hier te doen met onderaardsche verzamelbekkens of met leem- +of leilagen, die de aardolie vasthouden bij wijze van een spons. In +het laatste geval boort men op verscheiden plaatsen en de petroleum +verzamelt zich door uitzweeting onder in een put, gegraven door +een zuigpomp. + +Maar onverschillig of men met een onderaardsch bekken heeft te doen, +of dat de petroleum door filtratie samenvloeit in een kunstmatigen +put, de wijze van aan het daglicht brengen is dezelfde. Men laat in de +boorgaten, die vooraf van buizen voorzien zijn als bij de artesische +putten in gebruik zijn, een cylinder van 4 à 5 M. lengte bij 15 à +20 cM. middellijn, voorzien van een klepje aan het ondereind. Die +cylinder hangt aan een langen ketting, die om een as op den top van een +boortoren is gewonden, neergelaten wordt en bevestigd aan een paal met +tegenwicht. Met behulp daarvan kan één werkman het toestel bedienen; +hij laat den cylinder in den put neer en brengt hem vervolgens weer +naar boven. Dan opent een tweede werkman het klepje, en de olie stort +zich in houten goten, die haar naar groote, ondiepe verzamelbekkens +voeren. + +De petroleum is bij 't verlaten van den put een dikke vloeistof, die +troebel en olieachtig is en bruin-rood van kleur met groenachtigen +weerschijn. + +Uit de réservoirs, waarin men de olie brengt als ze uit den grond +komt, wordt ze door pijpen geleid naar de raffinaderijen in het +dal. De natuurlijke helling van den grond zou niet voldoende zijn om +de vloeistof, waarin zich allerlei vreemde stoffen bevinden, geregeld +af te voeren; ze moet worden voortgestuwd door middel van speciale +pompen, die soms verbazend krachtig werken. + +In de raffinaderijen wordt de petroleum blootgesteld aan zeer hooge +temperaturen, tot wel 270° C. Daarna heeft de destillatie plaats, +waardoor naphta, gazoline enz. worden afgescheiden. + +De diepte der boorgaten verschilt aanmerkelijk, want de petroleum +is door het gansche gebied der Karpathen verdeeld op zeer ongelijke +diepten. Tot in het midden der 19de eeuw boorde men meestal niet +dieper dan 30 M. om de aardolie te verkrijgen, die eigenlijk niet +anders dan als smeerolie werd gebezigd. Tegenwoordig boort men putten, +welker diepte tusschen 130 en 400 M. afwisselt, en de productie, +die al in 1900 tot 247000 ton was gestegen, is later nog sterk +vermeerderd, vooral door de uitbreiding aan de exploitatie gegeven +door de Steana Romana, de belangrijkste roemeensche maatschappij +van petroleumexploitatie. + +Maar de vorderingen zijn toch nog niet evenredig aan de belangrijkheid +der petroleumbronnen; en de organisatiefouten in de exploiteerende +maatschappijen, het uitblijven van behoorlijke dividenden houden de +vreemde kapitalen op een afstand, terwijl ze toch zoo noodig zouden +zijn voor Roemenië's industriëelen vooruitgang. + +De rit van Campina naar Sinaïa is een der mooiste, die zich laten +denken. Een opeenvolging van prachtige landschappen gaat aan ons oog +voorbij onder het gaan door het dal der Prahova. De rivier bespoelt +roodachtige rotsen, beneden bedekt met magere weiden; hooger hangen +bosschen van zilvergrijze wilgen in grillige schikking langs de +bergen. De boerderijen zijn grooter, beter gebouwd, goed onderhouden, +en de menschen zien er niet zoo slaafsch en vreesachtig uit als +geslagen honden, zooals wij zooveel andere boeren hebben waargenomen. + +Een belangrijke cementfabriek heeft een heel dorp van witte woningen +om zich heen gegroepeerd, alle met roode daken. Zoo komt er welvaart +in het dal, maar daarmee verdwijnt wel tevens de poëzie, als de mooie +wegen vuil zullen geworden zijn en alles aangeslagen zal wezen door +fabrieksrook. + +Onder in het dal stroomt de Prahova, wier tallooze bochten en +kronkelingen ten slotte doorloopen tot in de verre vlakten. Het water +der rivier, verdeeld over een menigte dunne adertjes, schittert in de +zon, en naast het stroompje liggen de beide glinsterende stalen lijnen +van den spoorweg. Door woeste bergkloven en langs duistere afgronden +komen wij in het woud, dat halverwege op den berg is gelegen en waar +de weg doorheen leidt. + +Daar, in het hart van het bosch, ligt aan den voet van een enorme +rots van 2500 M. Sinaïa. + +Sinaïa is een lustoord van nog jongen datum, dat zijn bloei te +danken heeft aan het verblijf van den koning en de koningin van +Roemenië, die een der sombere dalen van de Prahova uitkozen +als zomerresidentie. Rondom hen schaarde zich al spoedig de +aristocratie van het koninkrijk, ministers, afgevaardigden, gezanten, +hofdignitarissen en hooge officieren. Tegenwoordig brengt al wat in +Boekarest iets beteekent, den zomer te Sinaïa door. + +Wij komen er langs een breede, heerlijke laan van prachtige villa's; +dan volgt een groote, magnifieke tuin vol bloemen en groote gazons, +watervalletjes en velden voor allerlei spelen. De hôtels van Sinaïa +liggen in dien tuin. Er zijn er niet genoeg, want ze zijn altijd +overvol; het kost ons moeite logies te vinden. + +In het hôtel Sinaïa biedt men ons een paar zolderkamertjes aan, en bij +onze aarzeling om ze te aanvaarden, wijst men ons een paar kamers in +een bijgebouw, waar een gezant zijn intrek heeft genomen. Hier nemen +wij genoegen meê. + +Het hôtel is goed, maar van een oostersche zindelijkheid, die voor +ons niet het rechte is. Men heeft in de vertrekken geen bedden, maar +divans, die 's nachts in legersteden worden veranderd en over dag de +gewone diensten bewijzen. + +In het restaurant echter meent men te Parijs te zijn. Ieder spreekt +Fransch; het menu is geheel fransch, ook in de bereiding; alleen +het kleintje koffie na den eten is turksch; dat herinnert den gast, +dat hij zich aan de poort van het Oosten bevindt. + +De roemeensche wijnen zijn over 't algemeen zacht en fijn. De +witte wijnen van Dragashani en Cotnar zijn dadelijk bij ons in de +gunst. Wij kunnen de roode wijnen minder prijzen, hoewel ze hier +veel lof inoogsten en men tracht, ze in waarde gelijk te stellen +met Bordeauxwijn. Ofschoon de Roemeniërs lofwaardige pogingen in het +werk hebben gesteld voor het welzijn van hun wijngaarden, ofschoon +ze zelfs uit Frankrijk veel wijnbouwers hebben laten overkomen, om +de roode wijnen te bereiden, toch zal de roemeensche wijn nooit met +den franschen kunnen wedijveren. + +Te Sinaïa is het leven weelderig en duur; trouwens de rijke Roemeniër +geeft graag geld uit, hij houdt van mooie kleeding en van pleizier; +hij is een beschaafd man in elken zin des woords. + +De wereld in dit hôtel is een officiëele wereld. Het is het hôtel der +gezanten en ministers. Er zijn hier roemeensche families, die op zeer +grooten voet leven en geheel in de mondaine wereld op hun plaats zijn. + +De groote namen, die men hoort, doen mij denken aan een eigenaardige +bijzonderheid van den roemeenschen burgerlijken stand. Niet dat men +de echtheid van hun hooge afkomst behoeft in twijfel te trekken; +maar tot in den laatsten tijd bestond nog niet de erfelijkheid der +familienamen. Gewoonlijk noemde men zich maar doodeenvoudig Jan, +Filipszoon of Philepsco, zooals men in Servië Pavitsj zegt voor den +zoon van Paul. Ieder kan naar believen bij zijn voornaam den naam +van zijn buurman voegen, of zelfs dien van een vorst of een beroemd +generaal en dien tot zijn eigen maken, ook voor zijn erfgenamen die +hem wilden behouden. Zoodat die groote namen, die ons aan beroemde +personen doen denken, niet het idee moeten wekken, dat we ons in de +tegenwoordigheid bevinden van afstammelingen dier grootheden, doch +alleen van afstammelingen hunner bewonderaars, die den beroemden naam +hebben aangenomen. + +Een verschrikkelijke storm met diluviaanschen regen heeft den geheelen +nacht onze vensters geschud, en 's morgens bij het opstaan zien wij +de treurig slikkerige wegen gehuld in een niets goeds voorspellenden +mist. Wat te doen in Sinaïa, als het regent? Er is geen kurzaal, +noch casino, en in de hôtels, die te klein zijn voor het aantal +reizigers, dat zich er ophoopt, vindt men slechts een klein lees- +en biljartzaaltje. Ondanks den fijnen, aanhoudenden regen besluiten +wij een exploratietocht te doen. + +Bij het stijgen in de boschjes achter het hôtel komen we al spoedig aan +het klooster. In 1695 gesticht door Michaël Cantacuzenos, bestaat het +als alle kloosters van eenige beteekenis uit twee pleinen, waar rond +omheen de woningen der monniken en de bijgebouwen van het klooster +zich groepeeren. Midden op ieder van de beide pleinen staat een +klein byzantijnsch kerkje. Een werd op dat oogenblik gerestaureerd, +en dank zij der vrijgevigheid van den koning kan de restauratie zeer +goed geschieden. + +Lang diende het klooster in troebele tijden als schuilplaats voor de +bewoners van het laagland, die in de bergen een toevlucht zochten, +terwijl het tevens gastvrijheid bood aan reizigers. + +Toen koning Karel en koningin Elizabeth, aangetrokken door de machtige +bekoring en de vreemde poëzie van het woud te Sinaïa, voor de eerste +maal er een deel van den zomer kwamen doorbrengen, namen zij hun +intrek in een der bijgebouwen van het klooster. + +Eerst na eenige jaarlijksche bezoeken besloten zij in een liefelijk +dal achter het klooster een paleisje te bouwen, dat door den kunstzin +en den goeden smaak der koningin een der juweeltjes van Roemenië +werd. Weldra werd het voorbeeld gevolgd, en midden in het bosch +verrezen aan alle kanten sierlijke villa's en optrekjes. De regeering +bouwde een paar hôtels voor reizigers, en het begin van Sinaïa was er. + +Het koninklijk paleis, kasteel Pelesch, heet naar den berg waarop +het ligt. Uit de verte gezien, treedt het naar voren uit een dicht +dennebosch, dat de rooskleurige rotsen van het Bucegi-gebergte +kroont. Het prachtige gebouw van steen en hout, waar gothische +en byzantijnsche elementen in vereenigd zijn, is een harmonieus +geheel, met sierlijke torentjes, mooie balcons en terrassen, een +dichterdroom van de kunstenares Carmen Sylva. Inderdaad, wie Sinaïa +noemt, roept dadelijk zich het beeld van de vorstin voor oogen, van +haar, die dit lustoord in het leven riep. De koningin van Roemenië is, +zooals ieder weet, een dier superieure vrouwen, die van kunst, poëzie +en melancholie leven. Zij is graag in het woud, kent er alle paden, +en om er naar hartelust te kunnen droomen, heeft zij zich een hoog +verblijf laten inrichten, een huisje, hangend in de boomen hoog op den +top van een der bergen, die Sinaïa omgeven. Het Nestje der Koningin, +zoo noemt men hier die plek. Van daar overziet zij den gansenen omtrek. + +Eenige jaren geleden zag men haar dikwijls met de dames van haar +gevolg gekleed in de nationale kleederdracht, die zoo goed past bij +haar hooge, majestueuse gestalte. Maar de poging, om het bekoorlijke +costuum weer in eere te brengen onder de deftige dames, heeft niet +het succes gehad, die de sierlijke witte, met byzantijnsch borduursel +getooide dracht verdiende. + +De roemeensche dames, minder dichterlijk van aanleg dan haar +souvereine, worden bekoord door de parijsche modes, en men ziet heel +zelden de nationale kleeding meer te Sinaïa. Eigenlijk treft men die +alleen aan als historische merkwaardigheid en wel vooral op de markt, +die des Zondagsmorgens gehouden wordt in de groote laan. Boerinnen +spreiden er op het gras langs den weg en op de hekken der tuinen +de mooie borduursels uit, doorschijnende sluiers, halsdoekjes en +lijfjes met rijke patronen en andere fraaie toiletartikelen. Sinaïa is +eigenlijk een wonderlijke badplaats! Men zou er dépendances verwachten +van alle groote huizen te Boekarest en winkels, waar de elegante +dames al haar luimen konden bevredigen, maar er is niets van dat alles. + +Wij hebben het dorp Sinaïa bekeken. Het bestaat enkel uit een +kronkelende, sterk hellende straat. Een gewone kruidenierswinkel is +er, met een paar winkeltjes van visch en groenten. Te Sinaïa boven +vindt ge een kapper, een photograaf en een paar banketbakkers; maar +artikelen van dagelijksch gebruik kan men er niet krijgen. + +Wat de bijzondere aantrekkelijkheid van de plaats uitmaakt, zijn +de verrukkelijke wandelingen, die men in 't oneindige variëeren +kan in de dalen en op de hellingen der bergen. Bij het verlaten +van den grooten weg is men dadelijk op goed onderhouden voetpaden, +die tot in het diepste van het woud voeren, en hier begrijpt men de +koninklijke gril van Carmen Sylva; men kan zich niets woesters en +dichterlijkers en idealers denken. Dit is het maagdelijke woud in +den besten zin. Boomen van zes meters in omtrek en vijftig meter +hoog staan er in grooten getale. Meest zijn het dennen en beuken, +die met hun groen de bergen tot groote hoogte bedekken. + +De grond is geheel bedekt met heide en mos. Hier en daar blijven +omgevallen stammen op den bodem liggen, zooals de storm ze velde. De +koning, tot wiens domeingoederen het bosch behoort, wil niet, dat +iemand eraan raakt. + +Elk voetpad leidt naar een mooi uitzicht. Het toeval voert ons naar de +Promenade der H. Anna aan de grenzen van het woud. Boven ons hoofd op +een kalen top van rood gesteente, die wel ontoegankelijk lijkt, staat +een sierlijk paviljoentje, dat ons schijnt uit te tarten. Maar 't is +al laat, en het weêr is onzeker. Wij durven ons niet verder wagen. + +Op regendagen is het stil en somber te Sinaïa; maar als de zon +schijnt, hoort men overal muziek in de tuinen, militaire muziek en +Zigeunerliederen, die de echo's wekken van de donkere bergen. + +Het kroondomein heeft overal een goeden invloed op de +boerenbevolking. Door de vele scholen, die het bestuur der domeinen +opricht, ook vak- en landbouwscholen, worden de boeren op de hoogte +gebracht van een rationeele manier om den grond te bebouwen en gebruik +te maken van machines en andere verbeteringen. Zij krijgen onderricht +in de behandeling van het vee en van allerlei aanplantingen. Alle +pogingen worden door de kroon in het werk gesteld voor de verheffing +van den boerenstand. + +In den loop zijner regeering heeft de koning veel wegen laten +aanleggen, en hij heeft daarbij dikwijls een beroep gedaan op +buitenlandsche ingenieurs, ook voor den aanleg van spoorwegen. Niets +wordt verwaarloosd, wat den boer vooruit kan brengen en hem in staat +stelt zijn woning gezonder en zijn leven rijker te maken. Maar de +slavernij heeft diepe sporen nagelaten, en al zijn sommige streken, +vooral die tusschen Predeal en Boekarest, krachtig ontwikkeld, aan de +bergachtige randen van Roemenië is de bevolking nog niet veel verder +gekomen, dan zij was onder de turksche heerschappij. + + + +Kijkjes in een mooi werk over Chili + +Marie Robinson Wright + + + +Aan de vrouwen van Chili draagt "met waardeering en bewondering van +haar uitstekende hoedanigheden van geest en hart" de schrijfster, Marie +Robinson Wright van Philadelphia, haar groot werk _The Republic Chile_ +op. Het rijk uitgemonsterde en keurig uitgegeven boek is tegelijk te +Philadelphia en te Londen verschenen. Het geeft geen reisverhaal, +maar behandelt in een reeks van aangenaam geschreven hoofdstukken +Chili's geschiedenis en zijn tegenwoordige regeering, zijn financiëelen +toestand en zijn buitenlandschen handel, de hoofdstad Santiago en den +heuvel Santa Lucia, de vloot, het leger, het maatschappelijk leven, +kerken en liefdadigheid, de universiteit met bibliotheken en musea, het +opvoedingssysteem en den stand van schilder- en van beeldhouwkunst. 't +Gewaagt van de drie zones, waarin Chili natuurkundig en dus ook uit het +oogpunt van zijn flora en zijn fauna te verdeelen valt, van Valparaiso, +Chili's eerste handelsstad, en van het chileensch Trouville, 't mooie +Vina del Mar; van 't leven op een hacienda, van de wijnproductie en +de warme bronnen; van den rijkdom aan salpeter en de Lota-mijnen; +van de opbrengst aan delfstoffen als goud, zilver, ijzer, koper en +steenkool; van spoorwegen en stoombooten, landbouw en industrie, en ten +slotte van die verre zuidelijke streken in de langgerekte republiek, +Patagonië met Punta Arenas, Vuurland en het eenzame Juan Fernandez. + +Wellicht zal het den nederlandschen lezer thans in 't bijzonder +interesseeren, nu onze minister van Waterstaat er vertoeft om het +land van zijn bekwaamheid als ingenieur te doen profiteeren volgens +een reeds vroeger aanvaarde verplichting. + +Wij zullen hier en daar een greep doen uit de rijke stof, die door +de schrijfster degelijk wordt beheerscht, hetgeen niet behoeft +te verwonderen, daar zij vijf jaren aaneen in Zuid-Amerika heeft +gereisd en groote tochten ondernam van den Boven-Amazonenstroom tot +Vuurland en van den Atlantischen tot den Stillen Oceaan. Driemaal deed +zij de spoorreis over de Andes-keten, en Chili trok haar van alle +zuid-amerikaansche republieken het meest aan. Daar bracht zij twee +jaren door en leerde er land en volk grondig kennen. Beide looft +en prijst zij, en het is haar een genoegen, heldere denkbeelden +over de interessante republiek en hare hulpmiddelen te mogen helpen +verspreiden. + +"Het doet mij leed," schrijft zij, "dat ik, bij de meer uitvoerige +behandeling van Chili's jongste geschiedenis, genoodzaakt ben geweest, +de annalen van het roemrijke verleden kort samen te vatten. Daar toch +vindt men in overvloed bewijzen van groote dapperheid en opofferende +vaderlandsliefde. Dezelfde karakteristieke trekken, die het chileensche +volk sterk hebben gemaakt in de verdediging zijner nationale rechten, +hebben het ook de geestkracht en den ondernemingslust gegeven, die +noodig zijn, om het in handel en industrie tot een flinke hoogte te +brengen, en er is thans geen enkel land in Zuid-Amerika, waar de +algemeene vooruitgang gestadiger en degelijker is geweest en waar +men zijn betrekkingen tot buitenlandsche machten op beter en hechter +grondvesten heeft kunnen bouwen. Wat intellectueele beschaving betreft, +nemen de Chileenen een eereplaats in onder de meest vooruitstrevende +volken, en hun geleerden, schilders en beeldhouwers hebben zich naam +gemaakt in de hoogste kringen van Europa en Amerika." + +De vooruitzichten zijn bijzonder gunstig voor den vooruitgang van +de republiek, want de twintigste eeuw ziet den handel meer dan ooit +vroeger zijn aandacht wijden aan de havens van den Stillen Oceaan. + +Aan Santiago valt daarbij een eereplaats ten deel, de mooie stad +met haar witte kroon van de Andesketen. De stad ligt in prachtige, +schilderachtige omgeving, als een koningin in een reuzenkasteel, +haar door de natuur geschonken, waar de muren van het onvergankelijke +graniet der Cordillera's opgetrokken zijn, en torens tot den hemel +reiken. Zij ligt open naar het Westen, als wachtte zij van daar de +groote toekomst, die in dit land van belofte voor haar is weggelegd. En +van de met sneeuw bedekte toppen achter haar, die scherp tegen den +blauwen hemel afsteken, ligt zonder eenige begrenzing vóór haar de +eindelooze Stille Oceaan, waar geen vreemde mogendheid de uitbreiding +van Santiago's handel kan beperken. + +Het is onmogelijk, zich een liefelijker beeld te denken, dan dat, +hetwelk Santiago aanbiedt bij zonsondergang, als de stad gehuld is +in het purper en het goud, dat op de Andestoppen straalt en hen +in warmen gloed zet. Er is iets, dat aan Rome herinnert in deze +chileensche hoofdstad met haar mooien heuvel, die als een koepel van +een kerk midden uit haar straten oprijst; maar terwijl de heuvel van +het Quirinaal de macht en 't aanzien van het koningschap belichaamt, +is Santa Lucia, de tegenhanger in Chili, een symbool van den geest der +vrijheid, heerschend in de Nieuwe Wereld. De paleizen van grooten en +van souvereinen worden hier vervangen door de schouwburgen en villa's +van een vrij en onafhankelijk volk. + +De Alameda is wel genoemd de Via Appia van dit westersch Rome. In de +dagen, toen Chili nog een spaansche kolonie was, hielden de spaansche +gouverneurs langs dien weg hun luisterrijken intocht. Later, in de +opwindende dagen van den vrijheidsoorlog, hadden de overwinnende +legers hier het eerst de welkomstgroeten in ontvangst te nemen, die +hen later zoo overvloedig op de openbare pleinen der hoofdstad te +beurt vielen. Langs dezen weg, die nu de mooiste straat der stad is, +treedt ook tegenwoordig de bezoeker Santiago binnen in de schaduw +van statige boomen, voorbij fonteinen en standbeelden en prachtige +bloemen, bekoord door het fraaie uitzicht op den Santa Lucia met de +trotsche toppen der Cordillera's op den achtergrond. + +Die Alameda de las Delicias is bijna drie mijlen lang en +driehonderdvijftig voet breed en loopt door de stad van Santa Lucia +naar het Centrale Spoorwegstation. Van een eenvoudigen straatweg +naar de oude koloniale hoofdstad is het de voornaamste boulevard der +moderne metropolis geworden, die zelve zich uit een plaatsje van weinig +beteekenis tot een der meest bekoorlijke steden heeft ontwikkeld. + +Gelegen in het dal der Mapocho, heeft de stad vroeger veel te lijden +gehad van de overstroomingen der rivier, en eerst door de geheele +kanalizatie van het rivierbed, die in 1891 werd voltooid, is de +tegenwoordige toestand verkregen, waardoor men voor alle invloeden +van storm en overstrooming veilig is. + +Vóór den onafhankelijkheidsoorlog, waardoor op 18 September 1810 +de republiek Chili werd geboren, was Santiago niet veel meer dan +een spaansch dorp, bestaande uit huizen van één verdieping en met +geen andere aantrekkelijkheid dan een paar pleinen en parken en de +particuliere patio's, bekend uit alle spaansche steden. De plaats +breidde zich gaandeweg uit, maar altijd naar gewone, traditioneele +begrippen, zonder de moderne verbeteringen der steden van den nieuweren +tijd. De Alameda de las Delicias was gedurende twee eeuwen na de +verovering een gewone weg, belangrijker wordend, naarmate de stad +zich uitbreidde, maar toch geen drukke verkeersweg. + +Daar zij was aangelegd in de oude bedding van een tak der Mapocho, +werd de Almeda met haar moerassigen grond en oneffen bestrating eerder +beschouwd als een gebrek dan als een sieraad van de hoofdstad. De +mooiste straat in koloniale tijden en de populaire wandelweg was de +Paseo de la Piramide, die langs den zuidelijken oever van de Mapocho +liep en door treurwilgen werd ingesloten. + +Eerst in de laatste helft der 19de eeuw had de verandering plaats, +die de hoofdstad maakte tot de tegenwoordige moderne stad met +haar welonderhouden parken en pleinen, mooie huizen en breede +straten. Tijdens het bestuur van Don Benjamin Vicuna Mackenna werd +de stad in 1872 geplaveid en kreeg een betere verlichting, de Alameda +werd verbeterd en de Santa-Luciaheuvel werd van een onoogelijke hoogte +midden in de stad tot een heerlijk park. Deze verbeteringen waren +noodzakelijk geworden met den nieuwen stijl en de sierlijkheid der +rijke woonhuizen en der openbare gebouwen van de stad. Het vroegere +verouderde voorkomen maakte plaats voor de moderniteit van heden, +en de toewijding der bewoners van Santiago aan hun stad bleek uit tal +van particuliere bijdragen voor de verfraaiing. Zoo is het geliefde +Cousino-park genoemd naar den schenker, den millionair Don Luis +Cousino, die den grond aan de gemeente afstond. + +Het groote fortuin van de Cousino's werd een halve eeuw geleden +gemaakt, toen de chileensche kapitalist de groote onderneming waagde +van de exploitatie der steenkolenmijnen in het Lotadistrict. Lota +is nu het bloeiende middelpunt van een nijverheidsgebied en ligt +dichtbij Coronel in de provincie Concepcion. De geheele bevolking +van 15000 zielen is afhankelijk van de mijnmaatschappij, waarin de +familie Cousino den toon aangeeft. Senor Don Matias Cousino kocht in +1852 den grond en begon terstond op energieke wijze de exploitatie. + +Bij zijn dood, tien jaren later, ging de bezitting over in handen +van zijn zoon Senor Don Luis Cousino, die in 1869 de maatschappij +Esplotadora de Lota y Coronel stichtte en 't grootste getal aandeelen +zelf behield. Hij bracht de onderneming tot groote hoogte en veel +andere giften aan de gemeenschap getuigen, met het Cousino-park +in Santiago, van zijn mildheid. Zijn weduwe Senora Dona Isidora +Goyenechea de Cousino kocht alle aandeelen op en werd eenige +eigenares van de Lota-maatschappij. Zij was een tijdlang de rijkste +vrouw ter wereld, toen haar vermogen op zeventig millioen dollars +werd geschat. Eenige malen stak zij den oceaan over, om eenigen +tijd in Europa te vertoeven, en in Parijs was zij als de door de +fortuin meest begunstigde vrouw bekend, terwijl de _Rue Lota_ naar +haar werd genoemd. Met haar eigen schip deed Senora Cousino een reis +naar het Oosten, bezocht de Sandwich-eilanden en werd overal als een +koninklijke gast gehuldigd. Bij haar dood in 1898 werd de bezitting +geërfd door haar zes kinderen, van wie vier, Don Alberto, Don Carlos, +Dona Adriana en Dona Loreto, nog in leven zijn. + +Het stadje Lota ligt op vijf mijlen afstands van Coronel, waarmee het +door den Arauco-spoorweg is verbonden. Het is verdeeld in Lota Alta +of de bovenstad en Lota Abajo, de benedenstad aan den voet van den +heuvel. De bovenstad behoort aan de Compania Esplotadora de Lota, +en men vindt er de kantoren der maatschappij met de woningen der +beambten en werklieden, hun kerk en school en hospitaal. In een kleine +dagreis per spoor bereikt men Santiago, waar de eigenaars der mijnen +resideeren. Maar te Lota hebben zij ook een paleisje met een prachtig +park, dat met de grootste zorg wordt onderhouden, in tegenstelling +met het huis, dat na den dood van Senora Cousino onbewoond is gebleven. + +Maar om op Santiago en de Alameda terug te komen, die rijweg is de +bekoorlijkste van alle zuid-amerikaansche _paseo's_. Men ziet er +niet enkel weelde en mooie equipages, maar tevens is men er als in +een museum, in Chili's _Ruhmeshalle_, niet besloten binnen vier muren, +maar in de open lucht tusschen boomen en bloemen, fonteinen en vijvers, +waar de vogels zingen, en de kinderen spelen en waar de geschiedenis, +verteld in brons en marmer, de menschen kan opwekken tot moed en +vaderlandsliefde. Het edele voorbeeld van de vereeuwigde helden +wordt er den jongen menschen voortdurend voor oogen gesteld. Niet +alleen als werken van kunst wekken de standbeelden en de monumenten +van de Alameda onze bewondering, maar ook als blijken van de nobele +gevoelens der natie, die dit middel heeft te baat genomen, om haar +dankbaarheid te toonen jegens de helden uit de bevrijdingsoorlogen. + +Een trotsch monument herinnert aan den grooten generaal Don José +San Martin, te paard voorgesteld met het vrijheidsvaandel in de +rechterhand. Het werd onthuld op 5 April 1863, den verjaardag +van Maipo. Die slag van 5 April 1818 in de vlakte van Maipo, +eenige mijlen ten zuiden van de hoofdstad, was een schitterende +overwinning van de republikeinen over het leger van de royalisten, +tegen wie de jonge republiek zich telkens weer had te wapenen na +haar onafhankelijkheidsverklaring. + +Een ander ruiterstandbeeld is er verrezen voor den grootsten +chileenschen generaal Bernardo O'Higgins, wiens dapperheid en +vaderlandsliefde indrukwekkend gesymbolizeerd zijn in de bronzen +figuur, die hem voorstelt, zooals hij Rancagua ontruimt met zijn +dappere soldaten en, wijzend op Santiago, uitroept: "Wij geven noch +vragen kwartier". Het standbeeld staat op een voetstuk van wit +marmer met basreliefs, die de belangrijkste gevechten weergeven, +waarin generaal O'Higgins zich onderscheidde. + +De vader van dezen generaal was Ambrosio O'Higgins, die in 1788 door +den koning van Spanje tot gouverneur van Chili benoemd was. Hij zocht +niet, als zijn voorgangers, onophoudelijk zijn voldoening in den +strijd tegen de Araucaniërs, de oorspronkelijke bevolking, maar hij +trachtte den vrede te bevestigen en het land tot bloei te brengen. Hij +was Ier van geboorte, ging naar Spanje en vestigde zich als koopman in +Peru. Hij verloor zijn vermogen, stelde zich in dienst des konings en +ging naar Chili. Zijn eerlijkheid en zijn scherp verstand vestigden +de aandacht op hem en in een voorspoedige carrière bracht hij het +tot het ambt van gouverneur van Chili. De noordelijke provincies, +die over 't geheel verwaarloosd waren, bezocht hij in persoon, deed +onderzoekingen in de woestijn van Atocama en keerde over Valparaiso +naar Santiago terug. + +Als gevolg van die reis kwamen er een groot aantal verbeteringen in +den toestand der Indianen, die op het land of in de mijnen werkten, en +zijn uitstekend bewind bleek ook uit de wijze, waarop hij tegenover de +Araucaniërs handelde. Hij verbood, hen zonder noodzaak aan te vallen +of te beleedigen, en ofschoon de troepen ten allen tijde op oorlog +voorbereid moesten zijn, mocht geen poging worden verzuimd, om den +vrede te handhaven. De uitslag bewees, hoe beleidvol zijn optreden was, +want de Indianen, die zagen hoe de Spanjaarden op hun hoede waren, +zorgden wel, dat ze geen aanval waagden, en in het veilige gevoel, +dat hen geen gevaar dreigde, als zij zich rustig hielden, begonnen ze +hun velden ijverig te bebouwen. Aan de openbare wegen liet gouverneur +O'Higgins groote zorg besteden, en tegen de overstroomingen der +Mapocho beveiligde hij de hoofdstad door doelmatig aangebrachte dammen. + +In 1789 vaardigde hij een decreet uit, waarbij alle indiaansche slaven +vrij werden verklaard, hoewel hij de landeigenaars daardoor tegen +zich in het harnas joeg en zich den haat op den hals haalde van de +eigenaars der mijnen, waarin slaven werkten. Het belastingstelsel +onderging allerlei verbeteringen en altijd was hij in de weer, den +weg te effenen voor handel, industrie en landbouw. + +De hoogste positie, die de kroon in die dagen in Zuid-Amerika te +vergeven had, viel hem als blijk van de bijzondere tevredenheid +des konings in 1795 ten deel, namelijk den post van onderkoning van +Peru. Het volgend jaar reisde hij naar Lima, maar hij liet in zijn +geliefd Chili zijn zoon Bernardo achter, die bestemd was, zulk een +groote rol te spelen in de latere politiek van Chili. Hij toch werd een +der helden uit den vrijheidsoorlog, een der stichters van de republiek. + +Want door de grootere ontwikkeling in staatkundig en maatschappelijk +opzicht, door het betere onderwijs vooral, begonnen de Chilenen +het onrecht in te zien van sommige spaansche regeeringsmaatregelen +en van het dwangstelsel, dat hen in allerlei richting hinderde in +den vooruitgang. Bemoeilijking van den handel, overmatige invloed +van de geestelijkheid, verbod van lectuur, gemis aan vrijheid van +drukpers en van vereeniging en vergadering, dat alles werd meer +en meer als een belemmering gevoeld, vooral na de ontroerende +voorbeelden van den vrijheidsoorlog in Noord-Amerika en van de +Fransche Revolutie. De begeerte, om meer te weten te komen van de +buitenwereld, was een prikkel tot het koopen der verboden lectuur +en gaf tevens een verklaring van de populariteit der _tertulia's_ +of avondbijeenkomsten in de salons der personen, die in Europa hadden +gereisd en op de hoogte waren der nieuwere vrijheidsbegrippen, en de +boeken der bekende fransche schrijvers uit die dagen hadden meegenomen. + +Tijdens de regeering van gouverneur Carrasco, van 1808 tot 1810, +nam de zucht naar vrijheid een meer definitieven vorm aan; Napoleons +verovering van Spanje en de gevangenneming van den spaanschen koning +steunden den geest van vrijheid, en op 16 Juni 1810 moest gouverneur +Carrasco afstand doen, vooral onder pressie van den _cabildo_ of het +stadsbestuur van Santiago. + +Er werd een Administratieve Raad gekozen, die de regeeringsmacht zou +in handen hebben tot een Nationaal Congres bijeengekomen zou zijn, +om den regeeringsvorm vast te stellen. De openbare vergadering van 18 +September 1810 besloot tot de instelling van de Junta Gubernativa, +de eerste onafhankelijke regeering in Chili. Een dag van glorie +was die geboortedag der republiek, de opwinding in de hoofdstad +was buitengewoon groot en de straten waren vroolijk en luidruchtig, +overstraald door de lichten der illuminatie, omgolfd door de tonen +der muziek. + +Enkele maanden later kwam het eerste Congres, de vergadering van +afgevaardigden des volks bijeen. Onder de allereerst aangenomen wetten +was er een tot volkomen afschaffing der slavernij. Tot eer van de +jonge natie zij gezegd, dat nu zij zelve als volk haar vrijheid had +gewonnen, zij ook begeerde, dat ieder individu op chileenschen grond +de rechten van de vrijheid zou genieten. Van de republiek Chili kan +evenals van Mexico worden gezegd, dat haar vrije vlag nooit boven +slaven heeft gewapperd. + +Toen kwam er echter, als zoo dikwijls in dergelijke omstandigheden, +persoonlijke eerzucht in het spel, die dreigde, 't goed begonnen werk +te storen, en bij de twisten en oneenigheden tusschen de leiders van +het burgerlijk bestuur moest men gedoogen, dat een spaansch leger +uit Peru een inval deed, om het land voor Spanje te heroveren. + +In Januari 1813 landden de spaansche troepen onder generaal Pareja te +Ancud op het eiland Chiloë en spoedig daarna te Valdivia, Talcahuano en +Concepcion. In die meer afgelegen provincies waren, als indertijd in +de Vendée in Frankrijk, veel royalisten, die zich nu bij de spaansche +troepen voegden en op de hoofdstad Santiago aantrokken. + +Doch de voortgang van Pareja's leger werd gestuit te Chillan door het +patriottenleger onder generaal Carrera, die al spoedig als bevelhebber +plaats maakte voor O'Higgins, wiens talenten de aandacht van de Junta +hadden getrokken en die in den strijd veel steun vond bij kolonel Juan +Mackenna. Er werd een wapenstilstand gesloten, dat men de legers zou +kunnen reorganizeeren, en op 1 October 1814 werd de strijd hervat met +het gevecht bij Rancagua, toen het spaansche leger, dat versterking +uit Peru had gekregen, onder generaal Osorio tegen O'Higgins optrad +met een vijfmaal zoo sterke macht als die der republiek. + +Er volgde een noodlottige nederlaag na een tweedaagschen strijd en +een heftige verdediging van Rancagua, waarna de spaansche generaal +er zijn intocht hield en O'Higgins zijn beroemden terugtocht ondernam. + +Weldra volgde de intocht der Spanjaarden in Santiago en drie jaren +lang heerschten zij opnieuw over Chili. + +Die jaren waren echter de voorbereiding voor nieuwen strijd, en de +beide helden O'Higgins en generaal San Martin wachtten met andere naar +Argentinië uitgewekenen den geschikten tijd af. In Januari 1817 begon +de marsch over het Andesgebergte door den Uspallata-pas. Het was een +lange en moeilijke tocht, maar de uitslag van het op 12 Februari bij +Chacabuco geleverde gevecht beloonde de moeite. Daar werd opnieuw voor +de vrijheid van Chili met schitterenden uitslag gestreden, en het daar +gegeven voorbeeld werkte aanstekelijk in de andere zuid-amerikaansche +koloniën van Spanje. + +Nog eenmaal probeerde een spaansch leger de herovering. Generaal San +Martin trok het tegemoet, en in de vlakte van Maipo, enkele mijlen +ten zuiden van de hoofdstad, had op 5 April 1818 een beslissende slag +plaats, die den royalisten alle verdere kansen ontnam. + +O'Higgins was tot Opperdirecteur van den Regeeringsraad benoemd en +leidde het bestuur in Chili tot 1823. Hij was met dictatoriale macht +bekleed en velen verweten hem een te eigenmachtig optreden. De held +van Chacabuco moest zijn gezag neerleggen en generaal Ramon Freire +nam zijn plaats in. O'Higgins stierf een jaar later. Een praalgraf op +het kerkhof van Santiago wijst de plaats aan, waar hij ligt begraven +en, zooals wij reeds zagen, op de Alameda van Santiago staat zijn +ruiterstandbeeld. + +Het eigenlijk middelpunt der hoofdstad is de Plaza de la Independencia +of de Plaza de Armas. Bloemen vormen het centrum van dat plein, +waaromheen men fraaie gebouwen ziet als de kathedraal en het +bisschoppelijk paleis, het postkantoor, 't gemeentehuis, telegraaf +kantoor e.a. Twee der zijden worden door winkels ingenomen, onder hun +schilderachtige booggalerijen, de _portales_. 's Avonds wandelt er +de deftige chileensche wereld, zooals in andere spaansche landen ook +de _paseo_ of wandeling op de Plaza een dagelijksch verschijnsel is. + +Een droevige gebeurtenis had op het plein plaats in 1863, toen een +vreeselijke brand de Compania-kerk verwoestte, bij welke gelegenheid +meer dan duizend menschen, voor het meerendeel vrouwen, omkwamen. De +stad is meermalen door hevige branden geteisterd. Nog pas, op 27 +Februari van dit jaar 1906, brandde de schouwburg van San Martin af, +waarbij ook eenige dooden vielen te betreuren en honderden gekwetst +werden. + +Het nieuwe Congresgebouw, ook aan het plein, werd juist gebouwd, +toen de brand der Compania-kerk voorviel; toen het in 1875 voltooid +was, besloeg het mee de terreinen, die door den kerkbrand vrijgekomen +waren. Het is een der fraaiste openbare gebouwen van Zuid-Amerika. Ook +het Caso de Moneda, de Munt, maakt veel indruk, vooral door zijn +grootte; het bevat ook de gouvernementszalen voor den ministerraad. De +vele _patio's_ of binnenpleinen, tusschen de afzonderlijke gedeelten, +verminderen de strenge somberheid van het zware monumentale gebouw. + +Rondom Santiago zijn allerlei aardige plaatsjes gelegen, die men per +tram of trein of omnibus bereiken kan. Apoquindo is allerliefelijkst +gelegen als in een nestje tusschen heuvels. San Bernardo is een +schilderachtig stadje te midden van weiden en dicht genoeg bij de +Cordillera's, om 't genot te hebben van den koelen bergwind. Ook +Santiago, dat bijna twee duizend voet boven het niveau der zee ligt, +kan zelfs midden in den zomer koel zijn, want de grootste bekoring +van Santiago is niet gelegen in de mooie huizen en de statige +openbare gebouwen, ook niet in de aangename omgeving, maar in de +onvergelijkelijke atmosfeer. Zoowel de winters als de zomers hebben een +prettige temperatuur, ondanks de dichte nabijheid van de Cordillera's, +die vele maanden van het jaar een zwaren mantel van sneeuw dragen en +welker hoogste toppen onder eeuwige sneeuw verscholen liggen. + +Als een gulden lint omboordt Chili een groot deel van de kust +van Zuid-Amerika. Het is een verwonderlijk smal land, bijna drie +duizend mijlen lang en minder dan gemiddeld honderd mijlen breed. Uit +natuurkundig oogpunt biedt het de grootste verscheidenheid aan. In +'t Noorden de groote, woeste salpeterdistricten, in Midden Chili +de prachtige, begroeide berghellingen met wijngaarden en heerlijke +oofttuinen, zonnige korenvelden, en in het Zuiden de woeste fjorden aan +de straat van Magellaens, met Vuurland en de verlaten eilandenwereld +er omheen. + +Ook het klimaat van Chili biedt groote verschillen aan, niet enkel +doordien het zich over dertig breedtegraden uitstrekt, maar ook door +den invloed van de winden der Cordillera's en de zeestroomingen +van den Grooten Oceaan. In het Noorden wisselt de temperatuur het +geheele jaar door binnen een verschil van niet meer dan tien graden +Celsius. Er valt bijna geen regen ten noorden van 27° Z.B., en in de +woestijn bij Tarapaca is de laatste hevige regenval bijna honderd +jaar geleden. Door zwaren dauw wordt echter de grond er nu en dan +bevochtigd. De koude stroom van den Zuid-Pacifischen Oceaan oefent +in den zomer een verkwikkenden invloed uit op de temperatuur, zoodat +de hitte nooit buitengewoon groot is. + +In Midden-Chili is het klimaat gematigd en heerlijk; men kan juist +even de vier jaargetijden onderscheiden, maar groote verschillen +merkt men niet. Het regent alleen een weinig in den winter, en sneeuw +valt zelden elders dan op de bergen. Zoowel aan de kust als in het +binnenland is het land zeer gezond. + +In het Zuiden regent het in iedere maand en den grootsten tijd van +het jaar is de lucht bewolkt. Vooral geldt dit voor de streek rondom +Valdivia en Chiloe; in de Straat van Magellaens sneeuwt het veel in +den winter, die van Mei tot Augustus duurt. + +Door de geheele lengte van het land strekken zich twee bergketenen +uit, het Andesgebergte en het Kustgebergte, met kortere transversale +ketenen daartusschen, zoodat als men het groote centrale dal volgt, +dat van het Noorden naar het Zuiden loopt, men dat in een aantal +kortere dalen gesplitst vindt, terwijl dwarsdalen van de Andes af de +zee bereiken. Het resultaat is een groote verscheidenheid van heuvels +en dalen. + +De Atacama-woestijn in het Noorden is, hoe woest en verlaten ook, +niet zonder schilderachtigheid. De kale rotsen en de enkele afgelegen +bosschen omgeven de roodbruine vlakte, en in de nauwe kloven en dalen, +waar als-het-ware een lint van groen langs de rivieren ligt, treft +de frischheid door de tegenstelling met de omringende dorheid. + +Slechts twee belangrijke rivieren vindt men in de provincie Tarapaca: +de Camarones en de Loa met hun zijtakken, en twee in de provincie +Atacama de Huasco en de Copiapo. Het landschap in de bergstreken van +Coquimbo is prachtig, en waar de rivieren de Coquimbo, de Limari en +de Choapa vloeien, treft men boomgaarden en schoone boerenhofsteden +aan. De vruchtbaarheid van deze provincie en de rijkdom aan mineralen +maken haar tot een kostbare schatkamer voor de republiek. De valleien +van de Huasco en de Elqui zijn beroemd om hun edele druiven, en een +groot aantal wijngaarden bedekken er de berghellingen. De provincie +Coquimbo heeft voor een deel den aard van het noordelijke gebied en +voor een ander deel dien van Centraal Chili, daar zij zoowel minerale +producten als landbouwvoortbrengselen oplevert. Het klimaat heeft er +sommige eigenaardigheden van de regenlooze streken, ofschoon met eenige +wijziging. Drie of vier dagen van regen nu en dan is het allermeeste, +wat er valt, en een gansche week van regen is iets ongehoords. Verder +naar het Zuiden, te beginnen in de provincie Aconcagua, zoo genoemd +naar den hoogsten top der Andesketen, beroemd geworden door de +beklimmingen van Sir Martin Conway, den heer Fitzgerald en den heer +Rankin, wordt de groote middenvallei breeder en zet zich voort over +de geheele lengte van Chili tot bij den Chiloë-archipel. + +Sommige geologen meenen, dat de eilanden van den archipel van +Patagonië een voortzetting zijn van het kustgebergte, en dat de zee, +die ze scheidt van het vaste land, een ondergeloopen voortzetting +is van het centrale dal. Dat dal is nergens schooner dan bij zijn +begin. Het landschap is er boven alle beschrijving prachtig. In +deze provincie ligt het schilderachtige dal Llai-Llai, of "hevige +wind", zooals de indiaansche naam luidt, besproeid door de rivier de +Aconcagua, die langs den noordrand vloeit. Deze rivier, die op den +berg van denzelfden naam ontspringt, stroomt door een groot deel der +provincie. Het is een forsche stroom, snel vlietend door de hoogere +Cordillera's, waar hij bewonderd wordt door alle reizigers, die van +Argentinië naar Chili reizen over den Uspallata-pas. + +De plantengroei is weelderig in de middenvallei, waar veel aan wijnbouw +wordt gedaan en waar men tallooze _hacienda's_ of landgoederen +vindt. Sommige daarvan hebben een groote uitgestrektheid; er wordt +aan veeteelt gedaan en men ziet er korenvelden en olijvengaarden, met +prachtige lanen van populieren er omheen. Rivieren en meren geven hier +afwisseling aan het landschap en zijn voor de vruchtbaarheid van den +grond van de grootste beteekenis. Het tegenwoordige besproeiingsstelsel +dateert al uit den spaanschen tijd, ja was reeds bij de Indianen in +gebruik vóór de verovering. De waarde van een farm wordt berekend +niet naar haar grootte, maar naar de hoeveelheid water, die voor +irrigatie dienen kan. + +De rivier de Maipo besproeit de provincie Santiago en over haar +geheele lengte verschaft zij water aan vele der beste landerijen en +wijngaarden. De groote _hacienda's_ Puenta Alto, Santa Ines, Guindos, +Buin en Hospital worden door deze rivier besproeid, die bij de kleine +haven San Antonia de zee bereikt, even ten zuiden van Valparaiso. De +Mapocho, een zijtak van de Maipo, stroomt door Santiago, en is door +een aantal mooie bruggen overspannen. + +Van de vrij groote meren in de Cordillera's is het Zwarte Meer of de +Laguna Negra het best bekend als de bron der Maipo en omdat het gezien +kan worden door de reizigers, die den Cumbrapas overgaan. Andere meren +zijn het Yeso-meer in de hoogere Cordillera's, en het Aculeo-meer +aan den voet der kustketen. Het laatste, zestien vierkante mijlen +groot, wordt druk bezocht, om de goede vischgelegenheid, die het +water aanbiedt, en om de rijke jachtterreinen in den omtrek. + +Overal in die middenprovincies Santiago, O'Higgins, Colchagua, Curico, +Talca, Maule, Linares en Nuble wordt het landschap verfraaid door +heuvels, dikwijls met prachtige bosschen bedekt. Mooi is ook daar de +rivier, de Maule, de eenige, die over een vrij groote lengte bevaarbaar +is en den Stillen Oceaan bij de haven Constitucion bereikt. De streek, +waardoor zij loopt, is een tuin gelijk, en in den zomer is over de +geheele lengte van haar dal de oever bedekt met bloeiende boomen +en struiken. De monding van de Maule is beroemd om de rotsen en +klippen, die hooge zuilen en pilaren vormen, vreemd uitgesleten door +de werking van de winden en getijden. De _Piedras de las Ventana's_ +of Vensterrotsen vertoonen de grilligste vormen, en de Iglesia of +Kathedraalrots, die op een mijl afstands van de overige staat, ziet +er uit als een kerk. Dit verrukkelijk plekje, waar een ruime grot +midden in de rots aan het schip der kerk doet denken, is een geliefd +oord voor zomeruitstapjes, en men kan het gemakkelijk per spoor of +stoomboot bereiken. + +Behalve de rivier, de Maule, zijn er in deze buurt een aantal +dergelijke stroomen, als de Rupel met haar onstuimigen zijtak, de +Cachapoal, vloeiend door de streek der beroemde warme bronnen van +Cauquenes; de Mataquito en de Itata, samenkomend dichtbij de badplaats +Chillan. Geen land in Zuid-Amerika heeft beter gelegenheid voor +verbinding der rivieren door kanalen. De overvloed aan waterkracht, +die men met weinig moeite in gebruik zal kunnen stellen, belooft +het land een groote toekomst wat zijn industrie betreft. Er worden +reeds plannen gemaakt voor de exploitatie van de Laja-watervallen, +den Niagara van Chili, zooals men wel zegt. De val is in de provincie +Concepcion in een tak van de rivier de Bio Bio. + +Die provincie Concepcion is de belangrijkste van Centraal Chili; +zij heeft een uitgebreiden handel en verscheiden goede zeehavens. De +grootste baaien van Chili, die van Talcahuano en van Arauco, behooren +er toe. De grond wordt er voldoende besproeid door de Bio Bio en +haar talrijke zijtakken. Ten noorden van het dal der rivier vindt +men uitstekende wijnbergen en in het Zuiden der provincie Concepcion +leveren de staatsbosschen goede inkomsten. De Bio Bio is bevaarbaar +tot 150 mijlen van haar monding; zij komt uit een der bergmeren van +het Andesgebergte en vloeit noordwestelijk, besproeit de provincies +Malleco en Concepcion op haar weg naar den Stillen Oceaan, en bereikt +dat einddoel bij de stad Concepcion. Daar is de rivier bijna twee +mijlen breed. + +De stroom is behalve om zijn schilderachtige dalen en den weelderigen +plantengroei langs zijn oevers ook bekend uit historisch oogpunt, +namelijk als de scheidingslijn, die tijdens de verovering en in de +koloniale periode de zuidgrens aangaf van de spaansche bezittingen +in Chili en het begin van het territorium der Araucaniërs. + +Aan de oevers der Bio werden groote gevechten geleverd tegen +de Indianen, en haar naam is verbonden met gebeurtenissen uit de +krijgsgeschiedenis vanaf den tijd, toen Pedro de Valdivia zijn dood +vond in een gevecht met de Indianen in de 16de eeuw, totdat er, +nog pas vijftig jaar geleden, een eind kwam aan den strijd tegen +de Araucaniërs. + +Van Conception af zuidwaarts houden de natuurlijke rijkdommen van +het land op, zoo rijkelijk te vloeien, en de provincies Valdivia, +Llanquihue en Chiloë vormen den overgang naar het leven aan de +Magellaens-straat. De producten veranderen van aard, en in plaats van +het zachte klimaat, dat weinig verandert in de vier jaargetijden, +heerscht er een lagere gemiddelde temperatuur en worden de winters +langer. Nog vindt men er goede graanvelden en rijke veestapels, +terwijl de appelboomgaarden van Valdivia bewijzen, dat meer gehard +fruit er uitstekend groeit. + +De houtopbrengst is in deze zuidelijke provinciën overvloedig, en het +landschap is bijzonder mooi, vooral door den rijkdom aan meren. Het +Lajameer ligt tusschen twee hooge bergen en in de buurt van den vulkaan +Antuco; het vormt de bron van de rivier de Laja met haar prachtigen +waterval. Veel vulkanen verrijzen langs de zuidelijke deelen der +westkust, ook werkzame, zooals die van Villa Rica. Jammer genoeg +zijn de heldere dagen, waarop men de schoonheid van het landschap +ten volle kan genieten, weinig in aantal. + +Het eigenaardig kenmerk van de streek aan de straat van Magellaens +zijn de archipels, de tallooze eilandengroepen die men er vindt en +de hooge bergen. Op Vuurland en in een deel der kuststreken vindt men +natuurlijk weiden, voor schapenteelt geschikt. Over 't geheel vertoont +het land overeenkomst met de Schotsche hooglanden. Lange reeksen van +duinen strekken zich mijlen ver uit, omzoomd door de bosschen meer +binnenwaarts, waarachter de hoogere bergen oprijzen. Zeer weinig +stoombooten varen tegenwoordig langs de kust aan de binnenzij der +eilandengroepen, als zij de reis doen langs het chileensche Patagonië; +maar wie in de gelegenheid is geweest, dien tocht te maken, dien gaat +hij nooit uit de herinnering. De fjorden van Noorwegen doen in menig +opzicht in schoonheid onder voor het Smythkanaal. + +Aan de oevers vindt men hier en daar sporen van indiaansche woningen, +maar het aantal Indianen vermindert er van jaar tot jaar. De Indiaan +uit deze streken draagt niet anders dan het vel van den guanaco of van +den otter als kleeding, en hij staat gemakkelijk een kleedingstuk af in +ruil van een mes of eenig wapen. Otters zijn er veel bij Vuurland en +in de Magellaensstraat; de vellen vormen een hoofdbron van inkomsten +voor de streek. Weinig vogels ziet men er; nog 't meest den albatros +en de rotsduif. + +De flora en fauna zijn overigens in de drie deelen van Chili zeer +verschillend. De woestijnen van het Noorden vertoonen weinig +plantenleven; alleen in de oasen sieren prachtige bloemen het +landschap. Het centrale gedeelte heeft een rijke flora; op de helling +der Andesketen groeien fuchsia's in grooten overvloed in het wild, +zooals men ze in de bosschen van Midden-Chili overal vindt. Over +'t geheel is de dierenwereld niet sterk vertegenwoordigd; de +opmerkelijkste vogel is wel de condor van het Andesgebergte, symbool +van macht, en als zoodanig in 't chileensche wapen opgenomen. + +Onder de groote handelssteden van Zuid-Amerika kan Chili bogen op 't +bezit van Valparaiso, de belangrijkste zeehaven aan de westkust. Van +zee uit gezien, lijkt de stad een groot amphitheater; zij is gebouwd +op de helling van een berg, die het smalle strand in een kring +omgeeft. Diepe kloven verdeelen den berg in afzonderlijke heuvels of +_cerro's_, en hier en daar dringen de hoogten zoo dicht naar de zee, +dat er bijna geen ruimte overblijft voor een landingsplaats. Men heeft +daarom een groot, kunstmatig strand, een breed _embankment_ aangelegd, +waardoor de weg langs de baai verbreed wordt, en dat tevens bij ruw +weêr de kracht der zware zeeën breekt. + +Evenwijdig met het strand loopen de hoofdstraten in de lengte door de +stad, talrijker, waar de _cerro's_ nog al wat ruimte laten, weinig in +aantal, waar de heuvels dicht naar de zee dringen en nauwelijks plaats +bieden voor de tram, die Valparaiso met zijn voorstad Vina del Mar +verbindt. Kabelspoorwegen brengen de gemeenschap tot stand tusschen de +benedenstad met de _cerro's_, waar een groot deel der bevolking woont. + +De naam Valparaiso beteekent Paradijsdal, hij moet echter uit een ver +achter ons gelegen verleden afkomstig zijn, want eigenlijk past hij +niet bij de drukke metropolis van thans, met haar haven vol schepen +uit alle landen en haar straten, waar zich handelslui van elke +nationaliteit verdringen. Toch is het een zeer liefelijke stad, zeer +gezond en met de aangenaamste vormen van 't maatschappelijk leven. De +koele zeewind maakt het verblijf er 't heele jaar door prettig. + +De stormen, die in de baai woeden, kunnen soms groote schade in +Valparaiso aanrichten en maken belangrijke havenwerken noodig, die +voortdurend verbeterd en uitgebreid worden en waarvoor ons land zijn +minister Kraus, den kundigen ingenieur, voor eenige maanden afstaat +aan de chileensche regeering. Zijne Excellentie, die op den 3den +Maart jl. ons land verliet, zal den President van advies dienen bij +de gunning van de werken voor de haven, door hem in 1901 ontworpen. In +1890 had de heer Kraus de benoeming tot hoogleeraar aan de technische +hoogeschool te Santiago aangenomen. Ook aan den bouw van een droogdok +in de hoofdstad en aan den aanleg der havenwerken van Talcahuano had +hij als ontwerper een groot aandeel. + +In den zomer, dat is van Januari tot Maart wordt de zetel van het +bestuur van Santiago naar Valparaiso overgebracht; de president en de +ministers houden dan verblijf in Vina del Mar, terwijl hun officiëele +hoofdkwartieren zich bevinden in de havenwijk van Valparaiso, +waar men veel openbare gebouwen aantreft en die nu tevens de drukke +handelswijk is, nu bij de uitbreiding der bevolking ook op de _cerro's_ +woonhuizen zijn gebouwd en dikwijls de allerfraaiste en rijkste. Op +den Cerro Concepcion en den Cerro Alegre vindt men prachtige huizen +en allerliefste châlets, die schilderachtig tusschen boomen en bloemen +gelegen zijn. Een vijf minuten rijdens met de spoor, en men is van de +benedenstad op de hoogten gekomen, terwijl men op den rit een steeds +mooier wordend uitzicht op de haven geniet en op de geheele baai, +die met haar vele schepen een prachtig panorama oplevert. + +De gezelschappen zijn in Valparaiso echt kosmopolitisch en opmerkelijk +is het, hoe de vreemdelingen zich met de stad en hare instellingen +vereenzelvigd hebben, hoe zij in hun belangen opgaan. Als er +weldadigheid moet worden beoefend, als kerkelijk werk hulp en zorg +vereischt, bij nationale feesten en gedenkdagen, altijd zijn alle +nationaliteiten erbij betrokken en algemeene sympathie verlicht en +veraangenaamt de samenwerking. + +De stad was een der eerste steden van Zuid-Amerika, die een uitstekende +waterleiding bezaten; de dam, gebouwd in de hooggelegen heuvelstreek +ten behoeve der watervoorziening van Valparaiso, dateert al van +1849. Onlangs is weer een groot réservoir voor regenwater te Penuelas +gebouwd, omstreeks op tien mijlen afstands, en ter hoogte van duizend +voet boven het niveau der zee. Honderd millioen tonnen water worden op +die wijze verzameld, genoeg om de stad voor drie jaar te voorzien, +als 't noodig is. De kosten van deze onderneming bedroegen zes +millioen dollars. + +Valparaiso is allen anderen steden in Zuid-Amerika voorgegaan in +'t gebruik der nieuwe vindingen, die het leven vergemakkelijken en +veraangenamen. Het was de eerste spaansch-amerikaansche stad, die +telegraaflijnen aanlegde en gas gebruikte in 1856; de eerste, die +drijvende dokken had voor het repareeren van schepen in 1860. Hier +verschenen de eerste trams in de straten, en de onderhandelingen +over den aanleg van den eersten Zuid-Amerikaanschen spoorweg +begonnen in deze stad meer dan een halve eeuw geleden. De naam +van een Noord-Amerikaan, William Wheelwright, is verbonden aan de +inwijding dier lijn van Caldera naar Copiapo. Dezelfde ondernemende +Amerikaan organizeerde in 1840 de _Pacific Steam Navigation Company_, +en aan zijn initiatief is Chili veel verplicht voor de ontwikkeling +der steenkolenexploitatie, want de eerste nationale steenkool werd +door hem gebruikt op de stoombooten van die lijn. + +Door Wheelwright's bemiddeling werden de eerste stappen gedaan voor den +aanleg van een spoorweg, die Buenos Aires zou verbinden met Valparaiso +dwars over de Andes, een werk, dat nu voltooid is op een kort eind na +van den trans-andischen spoorweg, waar deze over den bergpas gaat. De +concessie voor de voltooiing van de Trans-andeslijn is verleend aan +een new-yorksche firma, die aan de westkust van Zuid-Amerika groote +belangen heeft. Oorspronkelijk, en wel sinds 1881, was de firma te +Valparaiso gevestigd met vertakkingen in Santiago, Concepcion en +Iquique. De naam van den onlangs overleden stichter, Mr. W.R. Grace, +zal altijd in Chili in dankbare herinnering blijven als die van een +der pioniers van den buitenlandschen handel van Zuid-Amerika aan +de kust der Stille Zuidzee. In de toekomst der republieken van de +westkust stelde de heer Grace het volste vertrouwen. + +De vreemdeling, die engelsche namen ziet op de uithangborden der +meeste winkels in Valparaiso, komt op het idee, dat de handelsstand +in deze stad bijna geheel uit vreemdelingen bestaat. Maar als hij +zich meer met de menschen vertrouwd heeft gemaakt, bespeurt hij, +dat zelfs in die inrichtingen, die een onmiskenbaar buitenlandsch +karakter dragen, de plaatselijke chefs gewoonlijk Chilenen van +geboorte zijn, of menschen, die zoo lang in Chili hebben gewoond, +dat zij hun aangenomen vaderland geheel als het hunne beschouwen. + +Een halve eeuw geleden, toen de meeste van de nu bloeiende +handelshuizen pas begonnen, waren de toestanden zeer verschillend van +wat ze nu zijn. De herinneringen van kooplieden uit dien tijd zijn +dikwijls onderhoudend, om aan te hooren. Een van die pioniers, wijlen +Stephen Williamson, die in 1903 stierf, en die vijftig jaren lang hoofd +was van de firma Williamson, Balfour en Co., wist alles, wat samenhing +met de geschiedenis van de kustvaart langs den Stillen Oceaan. + +"In de vijftig jaren," zei hij eens, toen hij zich op verzoek van +zijn vrienden in herinneringen verdiepte, "zonden wij tarwemeel van +Constitucion naar Australië, en als onze schepen terugkeerden, brachten +ze betaling in goudstof en muntspecie," De heer Williamson woonde in +Chili, toen groote fortuinen plotseling met de exploitatie der mijnen +werden gemaakt, en zijn schepen brachten menigen armen drommel naar +Copiapo en Iquique, die er in weinige jaren rijk werd. Kolonel North, +de nitraatkoning, had de gelegenheid, waardoor hij zijn grooten +rijkdom verwierf, te danken aan een vrijkaartje voor een reis met +een van Mr. Williamson's schepen. Jaren daarna, toen kolonel North +millionnair was geworden door zijn welgeslaagde ondernemingen in de +Tarapacamijnen, bezocht hij zijn weldoener, om hem nog eens te danken +voor die indertijd bewezen gunst. + +Het groote aantal Engelschen onder de rijke kooplieden is oorzaak, +dat er te Valparaiso zeer veel Engelsch wordt gesproken. Het komt maar +zelden voor, dat iemand in een gezelschap die taal niet verstaat. In +alle scholen wordt Engelsch onderwezen, en er zijn buiten de spaansche +een aantal geheel engelsche scholen. + +Elke nationaliteit is intusschen vertegenwoordigd in de clubs +van Valparaiso, Engelschen, Duitschers, Franschen, Spanjaarden en +Italianen. Vooral de politieke clubs zijn zeer werkzaam, en in den +tijd der verkiezingen is aller belangstelling levendig. Dan is er +geen dorp, zoo klein of onbeduidend, of het heeft zijn politieke +vereeniging. Vrouwenclubs heeft Chili ook, maar in het politiek +tournooi spelen de chileensche vrouwen nog slechts een onbeduidende +rol. In den salon en in de arbeiderswoning dringen nog slechts +weinig vrouwen op gelijkheid van rechten met den man aan. Zij zeggen +waarschijnlijk, dat ze liever de meerderen willen blijven, dat ze er +niets tegen hebben de _superior sex_ te zijn. + +Valparaiso heeft een groote beurs, zeven nationale banken en drie +buitenlandsche. De stad is het handelsmiddenpunt van Chili en staat +door een netwerk van telegraaflijnen, particuliere en door den +staat geëxploiteerde, met alle steden van Chili in gemeenschap. De +verbazend drukke zaken tusschen Valparaiso en Santiago hebben +verscheiden particuliere telefoonlijnen in 't leven geroepen, daar +alle groote huizen van Valparaiso afdeelingen hebben in Santiago en +vice versa. Onderzeesche kabels verbinden de stad met de geheele +wereld. De verschillende stoomvaartmaatschappijen, die de steden +van Zuid-Amerika's westkust aandoen, hebben hun hoofdkwartieren +in Valparaiso. Als het Panamakanaal eens gereed zal wezen, hoopt +men op nog snelleren vooruitgang voor den handel der westkust van +Zuid-Amerika, al zijn er pessimisten, die zich de verliezen door +den achteruitgang van 't verkeer om Kaap Hoorn als vrij ernstig +voorstellen. + +Als de warme zomerzon het plaveisel van de stad gloeiend maakt, en +in de mooie parken de boomen en bloemen onder een stoflaag rusten, +verlaten de welvarende Chilenen de stad, om aan het strand of in +de bergen verkwikking te zoeken. Chili heeft zijn Trouville in het +schilderachtig stadje Vina del Mar. Ofschoon het zoo ver verwijderd is +van de fashionable centra van West-Europa, weerkaatst het badplaatsje +toch de laatste modes in kleeding en gebruiken even trouw als welke +europeesche badplaats ook. + +De dames zijn keurig gekleed, en dikwijls in parijsche toiletten, voor +het Vina del Mar-seizoen besteld. Men geniet in de mooie omgeving, +waar groene guirlanden zich slingeren om kleine, groene huisjes en om +de stammen van de boomen in de schaduwrijke straten. De lanen hebben +druk bebloemde randen en aan het strand der zee worden de rotsen +beschuimd en bespat, tot ze fonkelen in een glorie van diamanten. De +kleuren van den regenboog zijn 's avonds alle weer te vinden in 't +gordijn van 't Westen, waar de zon zich achter ter ruste begeeft; +in één woord Vina del Mar is een gezegend plekje gronds. + +Het ligt op slechts vijf mijlen afstands van Valparaiso, op het punt +waar de baai, zich verwijdend, overgaat in den Oceaan, zoodat het +gedeeltelijk beschut is voor de open zee en toch het volle genot heeft +van den zeewind. 't Riviertje, de Quilpué, op welks zuidelijken oever +Vina del Mar ligt, bereikt er de zee, terwijl de lage bergen er, in +een halven kring geschaard, op neerzien. De straten loopen evenwijdig +aan het riviertje en worden verfraaid door veel boomen; een plein +vormt het midden van de stad, en eigenaardig genoeg verrijst aan dat +plein niet alleen een kerk, maar staat er ook het spoorwegstation +met een promenade ervoor langs. Het is de gewoonte in Vina del Mar, +zoowel als aan de meeste spoorwegstations van Midden-Chili, dat de +jongelui een half uur vóór de aankomst der avondtreinen aan 't station +samenkomen en op het perron heen en weer wandelen. Heele gezinnen +nemen dikwijls aan die wandelingen deel, en er zijn evenveel ouden +van dagen als jongen bij de groepen, die er slenteren en pratend en +lachend zich amuseeren. Als de trein binnenkomt, wordt het tooneel +met welkomstgroeten en afscheidswoorden nog verlevendigd. In kleine +stadjes heeft dat stationsbezoek bepaald een sociale beteekenis; +de mooiste japonnen worden vertoond en de gezelligheid, ook de +babbelzucht, viert er hoogtij. + +Vina del Mar is niet altijd het pretstadje geweest, dat het nu is, +en nog niet zoo heel veel jaren geleden is het tot een afzonderlijke +gemeente verheven. Tijdens de eerste dagen na de spaansche verovering +was het alleen belangrijk als monding van de Rio de las Minas, +de Mijnrivier, nu Quilpué geheeten, die de streek der groote +Malga-Malgamijnen besproeide, waaruit zij met een rijken oogst aan +goud te voorschijn kwam. De tooneelen, die toen het meest in Vina del +Mar werden afgespeeld, waren dikwijls gruwelijk, want de slavernij +heerschte in barbaarschen vorm, en de zweep werd ijverig gebruikt, +als middel om 't gezag te handhaven, terwijl elke insubordinatie met +een wreeden dood gestraft werd. Wel groot verschil dus met het heden, +dat van rust en van levensgenot een beeld geeft. + +Toch was de plaats toen een belangrijk bezit, en Pedro de Valdivia, +Chili's veroveraar, beschouwde de toewijzing als een zeer te waardeeren +gift, toen hij de rechten en titels van eigenaars schonk aan twee van +zijn grootste veldheeren en intiemste vrienden, Don Juan Jufré, eerste +alcalde van Santiago, en Don Francisco de Riveros. De traditie schrijft +aan den zoon van Riveros de eer toe, den wijngaard te hebben geplant, +die den naam aan 't stadje heeft geschonken, "wijngaard der zee". + +De grond, waarop de jonge de Riveros zijn druiven plantte en waar +het deel van Juan Jufré bij werd gevoegd, nadat hij het van de +weduwe van zijn vaders deelgenoot gekocht had, werd met groote zorg +bebouwd en was weldra een kostbaar bezit. Na den dood van de Riveros +kwam hij in handen van de Jezuiëtenzendelingen, toen het hoofd der +Valparaiso-zendelingen hem in 1690 kocht. De Jezuiëten bleven er +eigenaars van, tot hun orde uit alle spaansche bezittingen in 1767 +verbannen werd. + +Na hun vertrek werd de bezitting bij openbaren verkoop verdeeld in +verschillende kleinere deelen, waaruit zich langzamerhand een stadje +ontwikkelde. Een familie van naam, de Carrera's, bezaten de hacienda +van Vina del Mar in de eerste jaren van de 19de eeuw, en zij was +toen het tooneel van veel vroolijk en luidruchtig leven. De admiraal +Cochrane bezocht met zijn vrouw dikwijls het mooie landgoed, als zij +in Chili vertoefden, en zij waren zeer gehecht aan de beminnelijke +familie, die uit drie zoons en zeven dochters bestond. In de dagen +van den onafhankelijkheidsoorlog was dit patriottisch gezinde huis +punt van samenkomst voor de vrijheidsvrienden, en veel plannen van +groote politieke beteekenis werden vastgesteld te midden der vonken +van geest en vernuft, die op de mooie zomeravonden in dit lustverblijf +de hoogte ingingen. + +Al vroeg was Vina del Mar bekend om zijn producten van landbouw en +veeteelt en door de voordeelen, die het trok uit de nabijheid van +Valparaiso. Doch eerst bij de inwijding van den spoorweg tusschen +Valparaiso en Santiago in 1855 begon men de stad te zien in het licht +van schoone mogelijkheden, en niet vóór 1874, toen de voornaamste +eigenaars van den grond Senor Don José Francisco Vergara en zijn vrouw +den grond afstonden voor de uitbreiding der stad naar een systematisch +plan van straten en openbare gebouwen, werd Vina del Mar een bloeiende +en vooruitgaande gemeente. + +In de laatste dertig jaren is die vooruitgang geregeld blijven +vorderen, dank zij de voortvarendheid van het bestuur der stad, en +zoo is het de populaire badplaats van thans geworden, met breede, +rechte straten en schaduwrijke lanen, waar allerlei liefelijks te +zien is, en keurige villa's in tuinen vol bloemen geschaard staan. + +De prachtige villa van Senora Dona Blanca Vergara de Errazuriz, +dochter van Don Jozé Francisco Vergara en een der schoonste vrouwen uit +Chili, ligt bijzonder mooi aan den voet van den cerro; het landgoed +heet Quinta Vergana en is zeer uitgestrekt. Prachtige grasvelden en +bloemvelden worden door fonteinen besproeid, en schaduwrijke lanen +voeren naar donkere boschplekjes, terwijl tegen den heuvel op veel +paden kronkelen, omzoomd door een rijke bloemenpracht en leidend naar +een uitzichtspunt, waar men den ganschen omtrek en de stad met de baai +overziet. De weelderig ingerichte woning, een der rijkste uit Chili, +heeft veel interessante gasten geherbergd, en de vreemdelingen van +beteekenis, die Chili bezochten, waren er meestal genoodigden. Toen +de hertog der Abruzzen in 1903 in Chili was, werd er te zijner eer +een groot bal gegeven door Senora Dona Blanca Vergara de Errazuriz. + +Veel families uit Santiago en Valparaiso hebben zich elegante +zomerwoningen in Vina del Mar laten bouwen, en de gezochtheid der +plaats neemt telken jare toe. Het is de gewone zomerresidentie van +het diplomatieke corps, en bijna alle hooge staatsambtenaren houden +er verblijf gedurende de maanden, waarin de zetel der regeering naar +Valparaiso is overgebracht. + +De wedrennen vormen steeds een groote aantrekkelijkheid. Zij worden +op een groot veld, de _Cancha_, even buiten de stad gehouden en de +toevloed van gasten is dan verbazend. De sportclub van Valparaiso heeft +bij die gelegenheden de leiding; zij organiseert de voorjaarsraces +in October en November, de herfstrennen in Februari. Geen renbaan ter +wereld heeft haar tribunes mooier ingericht met bloemen en klimplanten, +en als de uitgaande wereld zich er in haar volle glorie en pracht van +toiletten vertoont, krijgt men een onvergetelijk schouwspel te zien. + +Na de wedrennen gaat de genotzoekende menigte naar het strand, en een +stroom van equipages begeeft zich zeewaarts. Van zes tot zeven uur des +avonds gaat ieder van het zonnig strand genieten, en dikwijls blijft +men in zijn rijtuig zitten, dat tot dicht aan zee mag rijden. Muziek +geeft in dat uurtje afwisseling en dient tot verlevendiging van het +tooneel. Men is voornemens, den rijweg langs het strand te verbreeden, +om er een _corso_ van te maken; de ruimte tusschen de heuvels en de +zee is nu te klein. + +Als men zoo langs de _playa_ of het strand rijdt, wordt men getroffen +door de groote rotsen, die bijna loodrecht oprijzen en door de blokken +van allerlei vorm en grootte, die als in zee zijn gestrooid. Het +is altijd het buitenleven, dat men te Vina del Mar geniet, deftige +uitgangen zijn er weinig te doen, en de menschen, die gasten zien, +geven aan de feesten liefst een zoo weinig mogelijk vormelijk +karakter. Golf en lawntennis worden druk beoefend op de Cancha. Het +beste seizoen daarvoor is Januari en Februari, ook voetbal is er dan +populair en internationale wedstrijden van voetbal en cricket zijn +er dikwijls gehouden, waaraan ook de club uit Buenos Aires deelnam. + +Midden in 't seizoen is alles vol en druk in Vina del Mar; de hôtels +hebben evenmin ruimte meer als de particuliere woningen en de menigte +is steeds talrijk op Cancha, strand en bij 't lawntennisveld. Het +Grand Hôtel, het ideale zomerhôtel, mag men wel zeggen, heeft een +sierlijk park, groote tuinen en de uitlokkendste gelegenheid voor +tuinpartijen. Ook na het seizoen keert Vina del Mar niet tot stilte +en eenzaamheid terug, want als voorstad van Valparaiso heeft het zijn +aandeel aan de levendigheid van die handelsplaats. Er ontbreekt alleen +een mooie, breede verbindingsweg tusschen beide steden, maar daartoe +moeten de rotsen van den _cerro_ springen; zij dringen te ver naar +voren naar de zee en zijn tot nu toe een beletsel geweest voor den +aanleg van een der schoonste strandpromenades. + +Vreemdelingen, die lang genoeg in Chili hebben gewoond, om goed bekend +te raken met het land en de menschen, zijn eenstemmig van oordeel, +dat de aangenaamste huizen niet in de hoofdstad of in een der andere +steden worden gevonden, maar op de groote _hacienda's_ of plantages, +gelegen in de centrale vallei. + +De mooiste huizen in Santiago zijn op enkele uitzonderingen na +slechts tijdelijke woningen voor de eigenaars, die er verblijf houden, +zoolang het uitgaande leven duurt, dus van Mei tot October, wanneer +zij er kostbare partijen geven en zich in de opera en bij de races +vertoonen, om zoodra de schouwburgen gesloten zijn en de hoofstad +haar vroolijkheid begint te verliezen, te vluchten naar den echten +_hogar_ of huiselijken haard, op de hacienda, met haar breede lanen +en grasvelden, waar het leven zoo genoegelijk is, dat de stad met +haar drukke straten en talrijke sociale verplichtingen den rijke een +noodzakelijk kwaad moet schijnen. + +De landelijke bezittingen van de rijke chileensche families zijn +soms zeer uitgestrekt; er behooren boerderijen bij en bosschen, die +een rijke bron van inkomsten leveren, en voor den aesthetischen en +sportlievenden smaak wordt gezorgd door bloem- en vruchtentuinen, mooie +boschhoekjes, velden voor croquet en lawntennis. Iets eigenaardigs +bij die hacienda's van 't centrale dal zijn de randen van populieren, +waar binnen ze veelal besloten zijn. Er zijn millioenen populieren +in Chili, en op sommige der grootste hacienda's staan ze in dubbele +rijen en vormen mooie, schaduwrijke lanen. Het effect, van uit den +spoorweg gezien, is alleraardigst, vrij wat aantrekkelijker dan +de heiningen van prikkeldraad, die u van de farms in Noord-Amerika +dreigend aanstaren. De chileensche eigenaar heeft echter soms ook zijn +draadversperring aangebracht, maar dan tegelijk met de populierenlaan, +zoodat het nuttige en het aangename samengaan. De landwegen langs +den voet der Cordillera's zijn bijna alle met populieren beplant, +en men kan zich geen prettiger uitspanning denken dan een rit te +paard door die schaduwrijke lanen. + +Een typische chileensche hacienda, in uitgestrektheid zoowel als in den +aard harer ontwikkeling, is die van Santa Ana te Graneros, bezitting +van Senor Don Gregorio Donoso, die er den naam aan gaf van zijn vrouw +Anna Foster. Senora Donoso is de dochter van een Amerikaan, den heer +Julio M. Foster, die een halve eeuw lang in Chili heeft gewoond en die +er trotsch op is, dat zijn schoonzoon op de hacienda de allernieuwste +en beste verbeteringen heeft aangebracht. Hij is zeer bemind bij +het chileensche volk, trouwde een dame uit Chili en heeft talrijke +kinderen en kleinkinderen. Hij houdt van het buitenleven en is nooit +gelukkiger dan wanneer hij logeert op de hacienda van Senor Donoso. + +Een bezoek aan dit mooie verblijf is een gebeurtenis, die men +niet vergeet. Na twee uur rijdens van Santiago zuidwaarts door een +uitstekend bebouwde en vruchtbare streek bereikt men het station +Graneros, waar een break den bezoeker afhaalt, die dan langs een +fraaien, met populieren omzoomden landweg en door het fraaie park +van de plaats vóór het bordes van het huis wordt gebracht. + +Het huis is een modern landhuis, omgeven door veranda's en overal +een prachtig uitzicht biedend. Maar wat het meest hier treft, is het +moderne karakter van alle onderdeelen der landbouwonderneming. De +verscheidenheid van producten, die er verbouwd worden, is +verrassend. Meer dan twee duizend acres (1 HA. = 2.45 acre) is de +Santa-Ana-hacienda groot en men zou een halven dag werk hebben, als +men om het landgoed heen wilde wandelen. Van het huis rijdt een tram +over een smal spoor ongeveer drie mijlen lang door een breede laan van +italiaansche populieren, midden door de bezitting loopend en een mooi +uitzicht biedend op de velden links en rechts. Van het spoorlijntje +gaan zijtakken naar de verschillende velden, om het transport der +producten te vergemakkelijken, en het loopt uit op den oever van een +rivier, die door de bezitting vloeit. + +De tram of spoor sluit aan bij de staatsspoor en zoo is zij een middel, +om de producten der farm naar de plaats van inscheping te brengen. Zij +vervoert bovendien de arbeiders 's avonds en 's morgens naar hun werk, +aldus een uur uitwinnend op den tijd van elken werkman. De tram bedient +de voornaamste onderdeelen van het groote landbouwbedrijf. Daartoe +behoort bij voorbeeld een groote molen; de stallen zijn keurig +ingericht; één heeft o.a. ruimte voor voedering en stalling van +veertienhonderd stuks vee. + +De silo voor de bewaring van het wintervoêr moet de grootste +ter wereld zijn; zij is twintig voet breed, twaalf voet diep en +driehonderd-vijftig voet lang. Buiten schapen, varkens en kippen +worden op deze hacienda 3000 stuks vee gehouden. + +De melkerij is een der belangwekkendste onderdeelen. Zij is gevestigd +in een schuur, die ruimte biedt voor duizend koeien. Daar wordt +gemolken, en de melkkannen worden door de trams meegenomen naar de +boter- en kaasfabrieken, waar het altijd druk en levendig toegaat. Ten +behoeve der fabriek is er een ijsmachine, die dagelijks twee tonnen +ijs levert, een voldoend bedrag voor de behoeften der hacienda en nog +in den zomer voor de liefhebbers uit de stad en de hospitalen aldaar. + +De talrijke gebouwen en velerlei reparaties, die telkens noodig zijn, +leggen beslag op den arbeid van een timmerwinkel, een houtzaagmolen, en +overal waar er machines in gebruik zijn, worden die door electriciteit +gedreven. De elektriciteit wordt verkregen door waterkracht op twee +mijlen afstands. Ook het huis wordt electrisch verlicht. + +Bij feestelijke gelegenheden maakt het prachtige landhuis den indruk +van een stadspaleis in een schitterend verlicht park. De vreemdeling, +die op school heeft geleerd, dat Chili op sociaal gebied nog weinig +beteekent, vindt het bijna ongeloofelijk, dat een boerderij, mijlen +ver het land in, zooveel moderne gemakken en nieuwerwetsche vindingen +toepast. Senor Donoso is voornemens, de geheele hacienda electrisch +te verlichten, zoodat het boerenwerk, zoo noodig, onafgebroken dag +en nacht kan voortgaan. Al de gebouwen zijn op dit oogenblik reeds +voorzien van geleidingen, zoodat men de electriciteit er kan brengen, +als het verlangd wordt. + +Melken geschiedt bij electrisch licht en het is belangwekkend op +te merken, hoe systematisch alles wordt verricht. Besproeiïng en +bemesting van den grond hebben plaats met de grootste zorg en volgens +de allernieuwste opvattingen, in de landbouwwetenschap bereikt. Uit +alles blijken des eigenaars groote gaven voor den landbouw en zijn +helder inzicht in de vooruitzichten, die zulk een hacienda biedt en +die in geen ander bedrijf te bereiken zijn. + +De pachters, zes en vijftig in getal, hebben het uitstekend; hun +huizen zijn geriefelijk ingericht met een acre tuingrond erbij, +terwijl buitendien ieder pachter nog twee-en-een-halve acre jaarlijks +in gebruik krijgt, om voor eigen gebruik groenten te telen, waarbij +de patroon, Senor Donoso, hun gereedschap en paarden ter leen geeft. + +De eigenaar is niet altijd heereboer geweest, hij heeft gestudeerd aan +de universiteit, verwierf den meesterstitel en is civiel-ingenieur; +eenigen tijd is hij minister geweest, maar hij geeft aan het landelijke +leven de voorkeur boven een politieke loopbaan en is nooit gelukkiger, +dan als hij mag experimenteeren met de nieuwste vindingen in +landbouwwerktuigen of de moderne ideeën over cultuur en grondbewerking. + +Het landgoed Santa Ana gelijkt zooveel op andere van denzelfden +aard, dat een beschrijving een juist algemeen denkbeeld geeft van +het leven en werken op een typische chileensche hacienda. Niet alle +dagen worden er bij harden arbeid gesleten, en er valt nog wel een +andere geschiedenis van te vertellen, dan alleen die van materiëelen +voorspoed. In die gelukkige landhuizen kan men tooneelen bijwonen +van vroolijkheid en zorgelooze uitgelatenheid, die veel hartelijker +gemeend worden opgevoerd dan eenig vermaak of wat ervoor doorgaat in +de overvolle deftige salons der stad. + +Het mooie landgoed Lo Aguila, dat dichtbij het spoorwegstation van +Hospital gelegen is, verwierf zich naam door de prettige partijen, die +er van tijd tot tijd uit verren omtrek de menschen samenbrengen. De +hacienda van Senor Letelier te Aculeo is een der meest gezegende +uit het oogpunt van landschappelijk schoon, en alles is er zoo goed +ingericht, dat men haar wel eens de modelhoeve van Chili noemt. + +Het is gebruik onder de families van deze landgoederen, samen +uitstapjes te paard te maken, dikwijls om van de eene hacienda aan +de andere een bezoek te brengen, en menigmaal kan men een vroolijke +cavalcade de hekken der plantages zien binnenrijden. De kleeding der +heeren heeft iets eigenaardigs; zij dragen namelijk buiten een _manta_ +of shawl van heldere kleur, die aan zoo'n gezelschap een levendig +aanzien geeft. + +Die _manta_ is een echt chileensch kleedingstuk, kleiner en zwaarder +dan de _poncho_ uit Argentinië, en in den regel niet van franjes +voorzien, zooals de reeds genoemde poncho, maar geboord met lint +van een andere kleur. Enkele manta's worden gemaakt van ongeverfde +vigognewol van de vicuna-lama, gesponnen tot een draad, die bijzonder +fijn en toch sterk is; andere zijn geweven in vele kleuren met strepen +van rood, blauw en geel. + +De manta heeft geen naden; er is in 't midden een opening in voor het +hoofd, en het kleedingstuk kan aan den hals nog worden bevestigd met +knoopen, ofschoon het meestal zoo gedragen wordt, als het over het +hoofd is aangetrokken met een open gedeelte aan den hals. + +Vele der manta's zijn waterdicht, en ze moeten bij het rijden bijzonder +gemakkelijk zijn. De administrateur van een groote hacienda kan vaak +zijn menschen op grooten afstand aan hun manta's onderscheiden. Op +enkele hacienda's is het de gewoonte, dat de administrateur op +Zondagmorgen de hoofden der verschillende afdeelingen bij elkaâr roept, +om hun het noodzakelijke werk voor de volgende week aan te wijzen +en ook om nota te nemen van klachten of gewenschte veranderingen +of eenige zaak, die met de routine der groote onderneming verband +houdt. Nadat aan dien plicht is voldaan, zijn de employé's vrij en +kunnen het overige van den dag doorbrengen, zooals zij willen. + +De feestelijkheden van een vrijen dag worden op een hacienda bijna +altijd opgeluisterd door den geliefden dans, de Zamacueca. Het groote +aantal landgoederen in Centraal Chili van dezen aard bewijst wel, +dat de Chileen zijn bronnen van geluk liefst zoekt in de natuur, +en het pleit voor het nationale karakter, dat zooveel menschen het +buitenleven aantrekkelijk en aangenaam vinden en het grootste deel +van het jaar liever op hun landgoed zijn dan in hun huis in de stad. + +De streek rondom Santiago, vooral zuidwaarts langs de spoorlijn, die +de hoofdstad met Concepcion verbindt, vertoont overal van die mooie +landhuizen op waardevolle gronden. Graneros is het spoorwegstation +voor vele hacienda's, gelijkend op die van Senor Gregorio Donoso, +en er zijn vele andere in de buurt der tusschenliggende stations, +Hospital, Buin, Linderos, Guindos, Nos en San Bernardo. + +Het is gewoonte, aan elke hacienda een eigen naam te geven: de omgeving +wordt veelal bij dien naam genoemd, eerder dan bij den naam van het +spoorwegstation of de nabijgelegen stad. Lo Hermida, het mooie huis +van Senor Don Belisario Espinola; Santa Ines, het eigendom van Senor +Don Salvador Izquierde; San Isidro, het landgoed van de familie van +Senora Dona Maria Luisa Mac-clure de Edwarts; en hacienda Limache, +waar Senora Dona Sofia Cox de Eastman haar uitgebreide gronden heeft, +zijn namen, die even goed bekend zijn als de meest gewone adressen +in de hoofdstad. Hacienda Limache wordt bestuurd door de zoons van +Senora Eastman en onderscheidt zich door een melkerij met toebehooren, +zoo groot als er geen andere in Chili is, waar alle moderne vindingen +worden toegepast, en die dan ook voor een groot deel in de behoeften +der stad Valparaiso voorziet. + +Die melkerij is een onderneming van Senor Don Tomas Eastman, die een +kantoor in Valparaiso heeft met depôts, van waar dagelijks bijna twee +duizend gallons melk worden afgeleverd. Het tooneel, dat die hacienda +in den vroegen morgen aanbiedt, is bijzonder levendig. Van twee tot +zes uur wordt er bij kunstlicht gemolken, en daarna wordt de melk in +kannen per spoor vervoerd naar Valparaiso op dertig mijlen afstands, +om er door een staf van beambten te worden in ontvangst genomen, +die de melk wegen en in de wagentjes en kannen voor de aflevering +gereed maken. + +Ook boter maakt men op die hacienda, maar melk is hoofdzaak, omdat +het gebleken is, dat voor farms dichtbij een dichtbevolkte plaats de +melkleverantie het meeste voordeel oplevert. De onderneming neemt nog +steeds in bloei toe, en Senor Eastman denkt zijn zaken uit te breiden +door de hacienda's San Isidro en El Cajon de San Pedro, die hij gekocht +heeft, ook op dezelfde wijze te exploiteeren. Het is opmerkelijk, dat +zooveel rijke menschen in Chili ernstig hun aandacht wijden aan de +ontwikkeling van hun landgoederen, en het jongere geslacht vertoont +minder neiging tot geldverteren door weelderig buitenlands te leven, +dan het geval is in andere landen, waar het geld gemakkelijk is +verdiend en van vader op zoon is overgegaan. Senor Tomas Eastman, +ofschoon een jongmensch van rijkdom en aanzienlijke familie, die, +zoo hij wilde, een leven van nietsdoen en amusement kon leiden, is +een der energiekste werkers en tracht niet enkel zijn eigen goederen +te verbeteren, maar ook den standaard van landbouw en veeteelt in +Chili in 't algemeen te verheffen. + +Bijna elke hacienda heeft haar specialiteit. Op de eene is het de +teelt van graangewassen; op een andere de melkerij, en weer op een +andere de teelt van mooie koeien en paarden. Op de hacienda's van +Ucuquer en La Pena in de provincie Quillota richtte men in 1879 een +farm in voor de productie van Durhamsch vee. De resultaten waren zoo +gunstig, dat de tegenwoordige eigenaar van deze bezittingen, Senor +Don Carlos Hopfenblatt, aan de verschillende hacienda's van het land +jaarlijks honderden mooie dieren levert, en er bestaat geen enkele +reden, om in het buitenland voortaan echt Durhamsch vee te koopen. + +Van geheel anderen aard is de specialiteit der zeer uitgestrekte +hacienda Santa Ines te Nos, eenige mijlen ten zuiden van Santiago +aan den spoorweg. De bezoekers van dit prachtige landgoed stappen +uit den trein; een particuliere tram, die bij de hacienda Santa Ines +behoort, wacht, om hen naar hun bestemming te brengen op vele mijlen +afstands. De tram rijdt door een streek vol afwisseling, langs weiden +en langs het riviertje, dat het landgoed van water voorziet; dan door +zware lanen van populieren tot vlak bij den ingang van het huis, waar +een breede veranda, omhangen met wilden wingerd, aan ideale rust doet +denken. Overal valt het oog op groote, hooge boomen, mooie struiken en +velerhande bloemen. Door lanen van ceders en dennen brengt men u naar +den kweektuin, waar duizenden jonge plantjes staan, gereed om vervoerd +te worden, zoodra ze groot genoeg zijn voor de markt. Tuinbouw is hier +hoofdzaak en op Santa Ines van Senor Don Salvador Izquierdo wordt +groote aandacht gewijd aan wat de wetenschap daaromtrent leert. De +hier gekweekte chrysanthemums zijn buitengewoon groot, en men kan +er bijna elke bestaande variëteit bewonderen. Rozen, anjelieren, +violieren groeien er in overvloed en van de edelste variëteiten. + +Het drogen van vruchten is een industrie, die in Chili steeds in omvang +toeneemt, en ofschoon in elke streek de methode weer verschilt, toch +bewijzen de resultaten, dat het een winstgevende bron van inkomsten +is. Op de hacienda's in het Elqui-dal worden druiven, perziken en +andere vruchten machinaal gedroogd, en in het centrale dal, waar de +zomers heet en regenloos zijn, worden de vruchten in de zon behandeld +en verliezen daardoor haar vochtgehalte. + +Het leven is druk op een chileensche hacienda, maar het heeft +groote bekoring en aantrekkelijkheid, waartoe het heerlijke klimaat +niet weinig meewerkt. De chileensche landheer is een toonbeeld +van athletische mannelijkheid; hij rijdt veel paard en zou die +sport niet kunnen ontberen. Dikwijls hebben jachtpartijen plaats, +die soms een week duren en die in het Andesgebergte, nog ten deele +ongeëxploreerd terrein, iets zeer opwekkends hebben. Vaak vergeet men +het wild, om de streek zelve te onderzoeken. In het laatst van 1904 +ging een jachtgezelschap in de hoogere deelen van de Andesketen een +expeditie ondernemen. Men kwam van een der hacienda's bij Santiago, +en na allerlei stoute klimpartijen en ongewone avonturen ontdekte +een deel van het gezelschap een meer van twintig mijlen in omtrek; +dertien duizend voet ongeveer hoog gelegen, een meer, waar geen enkel +aardrijkskundig werk melding van maakt, en dat zich in den krater +van een uitgedoofde vulkaan scheen te bevinden. Er was veel wild, +ganzen en eenden in overvloed; ook zag men er flamingo's. Een der +heeren nam verscheiden photografieën van de plek, en toen de expeditie +huiswaarts keerde, had zij de voldoening van den gelukkigen jager, +gevoegd bij die van den met succes werkenden ontdekker. + +Op vele der hacienda's kan men in de riviertjes en meertjes +heerlijk visschen en bootje varen; groote zwembassins met moderne +geriefelijkheden zijn voor het gebruik der familie ingericht en +verschaffen de prettigste gelegenheid voor een koele onderdompeling. + +Veel oude spaansche namen treft men aan onder die der eigenaars van +hacienda's, maar eveneens komen buitenlanders er op voor, met name +vrij wat Engelschen. Een der rijkste hacienda-bezitsters, Senora +Dona Juana Ross de Edwards is de dochter van engelsche ouders. Haar +goederen zijn enorm winstgevend; maar een groot deel der opbrengst +wordt voor liefdadige doeleinden besteed. Een familie Swinburne, +nauw verwant met den engelschen dichter van dien naam, heeft al drie +geslachten lang in Chili gewoond, meestal op de hacienda. + +Een leger van arbeiders is op zulk een landgoed werkzaam. De +administrateur leidt de geheele inrichting, en onder hem staan +_capataces_ of opzichters, die toezicht houden op de gewone +landarbeiders. De _guaso_ uit Chili is een type, dat veel gelijkt op +den _gaucho_ uit Argentinië en den _cowboy_ van Noord-Amerika. De +werklieden leven zeer eenvoudig; _mote_ of gekookte maïs is hun +hoofdvoedsel; maar op feestdagen nemen zij hun kans waar. Vooral de +verjaardag van den patroon wordt luisterrijk gevierd. + +Wie van het buitenleven houdt, ziet op zoo'n hacienda een aardige +vereeniging van winstgevend werk en gezond levensgenot, en het is +onmogelijk, zich een juist denkbeeld te maken van het chileensche +volkskarakter, zonder de Chilenen te zien in de meest representatieve +van alle chileensche woningen, de hacienda. + + + + + +DOOR OOST-PERZIË + +Reis van Majoor Percy Molesworth Sykes, +Consul-Generaal van Engeland te Khorassan. + + + +I + + Aankomst te Astrabad.--Vroegere belangrijkheid der stad.--Het + land der Turkomannen.--Mesjed, zijn moskee en zijn handel.--De + Loetwoestijn.--Op den weg naar Kirman. + + +Perzië heeft altijd een groote bekoring uitgeoefend op mijn geest. Ik +had lang in Indië gediend, zonder gelegenheid te hebben, er een bezoek +aan te brengen. Het werd Januari 1893 eer ik, na mijn Kerstvacantie +in Engeland te hebben doorgebracht, mijn plan ten uitvoer brengen +kon en een reis door Perzië kon maken, om te Boesjir de boot, die +mij daar wachtte, te bereiken. + +Uit Engeland komend, was ik per spoor over Weenen naar Odessa gereisd, +waar ik mij naar Batoem inscheepte; van Batoem naar Bakoe volgde ik +de bekende transkaukasische lijn. Daarna scheepte ik mij te Bakoe in, +niet voor Enzeli en Resjd, wat de gewone weg is, maar voor Bandar-Gaz. + +De stoomboot op de Kaspische Zee moest eerst stoppen te Oezoen-Ada, +toen nog uitgangspunt van den transkaspischen spoorweg. Na een ruwen +overtocht, waar een heele dag mee heenging, voeren wij langzaam +het smalle kanaal binnen, waar een voor anker liggend schip ons +waarschuwde, voorzichtig te zijn, en ofschoon wij slechts negen meter +diepgang hadden, moesten wij voortdurend van den oever afhouden, +om niet vast te raken. De ondiepe zee was bedekt met een dun laagje +ijs. In elk opzicht leek Oezoen-Ada mij een zeer slechte basis voor +een spoorweg. Dus vernam ik dan ook een jaar daarna met genoegen, +dat Krasowodsk, veel dichter bij de open zee en in 't bezit van een +diepe haven, ten slotte gekozen was, om Oezoen-Ada te vervangen. + +Wij verlieten met moeite het nauwe toegangskanaal en wendden den steven +zuidwaarts, om na vijftien uren de russische grensstad Tsjitsjikar +te bereiken. De aanlegplaats is bijna buiten het gezicht der stad; +dus kon ik er geen bezoek aan brengen. Maar er is niet veel te zien, +en zij heeft geen beste reputatie, wat betreft den bodem en het +klimaat. Door Astrabad staat Tsjitsjikan met het telegraafnet van +Perzië in gemeenschap; maar de transkaspische spoorweg heeft aan +dezen militairen post al zijn belangrijkheid ontnomen. + +Toen wij onzen weg naar het zuiden vervolgden, zagen wij al spoedig, +hoe het klimaat snel veranderde. Na het dejeuner bevonden wij ons +tegenover het russische marine-station Asjoer-Ada, en vóór ons lag, +in dichte nevelen gehuld, Iran. + +De Asjoer-Ada-eilanden maken deel uit van een zandbank, door den +noordenwind gevormd, die de heerschende is in deze streken. Daarachter +breidt zich een wijde lagune uit, _Murdal_ of dood water geheeten, +waarin zich veel rivieren uitstorten, die alluviale aanslibbing +aanvoeren. Men treft veel van die lagunen langs de kust aan; die +van Enzeli is het meest bekend; maar de baai van Astrabad, om ons +te bedienen van den naam die gewoonlijk op de kaarten staat, is het +diepst. De stoombooten kunnen er tot vlak aan de kust komen en zijn +niet genoodzaakt te lossen vóór de zandbank, zooals te Enzeli. + +Asjoer-Ada, dat een verschrikkelijk ongezonde post moet zijn, werd +in 1858 door Rusland bezet, toen men besloot een eind te maken aan +de zeerooverijen van de Turkomannen. De regeering van den czar is +herhaaldelijk uitgenoodigd, zich terug te trekken van de plek, die, +in strikten zin genomen, nog perzisch grondgebied is; maar zoo zij aan +dien wensch gevolg gaf, zou de zeerooverij maar al te spoedig weer +het hoofd opsteken. Daar tengevolge van het tractaat van Gerlistan +de perzische vlag niet over de Kaspische Zee mag waaien, wordt alle +politie daar uitgeoefend door de groote mogendheid van het Noorden. + +Drie aanlegplaatsen waren bij het eiland aangebracht, 'twelk zoo smal +is, dat het schuim der golven er bij slecht weer overheen vliegt. Na +een langzame vaart door de stille en rustige lagune, legden wij aan +bij een vuurtoren tegenover Bandar-Gaz. Wij namen onze bagage bijeen +en werden in een roeiboot overgebracht naar een havenplaatsje in een +treurigen staat van verval. Tegen het vallen van den avond bevonden +wij ons op perzischen grond, bestaande uit dikke, glibberige modder. + +Ik had geen voorkeur, waar wij zouden heengaan; maar Joessoef Abbas, +een geleerde Pers, dien ik te Odessa aan mij had verbonden, en die meer +gereisd moet hebben dan iemand van zijn leeftijd, zei, dat we zouden +kunnen logeeren bij een ambtenaar van de telegraaf. Deze ontving ons +inderdaad zeer vriendelijk en ik kon weldra ten zijnent genieten van +een echten pilaw, het perzische gerecht bij uitnemendheid. + +Bij dag kwam Bandar-Graz mij als een zeer melancholiek plaatsje +voor. Er is zooveel slijk, dat een paar stelten van nut zouden kunnen +zijn. De hutten van boomstammen zien er vuil en ellendig uit. + +Mazanderan, de perzische provincie die met Ghilan de zuidkust van de +Kaspische Zee inneemt, is een belangrijke provincie, al was het maar om +het sprekend contrast, dat zij maakt met de andere deelen van Perzië, +of zelfs met de andere districten aan de binnenzee gelegen. Als men +uit de lagune komt, waar men veel rottende planten ziet, heeft men +eerst een strook jungle van afwisselende breedte, dicht struikgewas, +waar het van allerlei insecten, vooral muskieten, krioelt, die er +in den zomer iemand het leven ondragelijk maken. Het heet ook, dat +er nog veel tijgers zijn, maar het gebeurt niet dikwijls, dat er een +geschoten wordt. + +Als men de bergen heeft bereikt, verandert het land plotseling van +aanzien, en de reiziger kan zich in Kaschmir verplaatst wanen. Hij +vindt er dezelfde boomen en weiden, en hooger de kale hellingen +der bergen. Een prachtig soort van hert komt, evenals daar ook hier +veelvuldig voor. + +De bewoners der provincie Mazanderan hebben een geelachtige, ongezonde +gelaatskleur, maar ze zijn niet klein of lichamelijk slecht ontwikkeld, +zooals men verwachten zou in dat arme land. Zij kleeden zich in wol +en voeden zich met rijst, die ze in groote hoeveelheden tot zich +nemen. Het is een gelukkig volkje, en ik ontmoette niemand, die het +land zou willen verlaten; zij kunnen in andere streken van Perzië +niet aarden. + +In twee dagen bereikten wij Astrabad langs een zeer slechten weg. De +zon ging onder; wij kwamen de stad binnen door een ingang zonder poort +en zonder bewaking, en het eerste wezen, waar ons oog op viel, was +een jakhals. Eindelijk zagen wij een man in de verlaten straten. Hij +bracht ons op de vriendelijkste manier naar het huis van Mirza Taki, +den engelschen agent, waar wij de groote voldoening smaakten, droge +kleêren te kunnen aantrekken. De vereeniging van vocht en koude is +zeer onaangenaam, om niet te zeggen gevaarlijk in het Oosten, nog +meer dan elders, en ik gevoelde mij gelukkig, dat ik zonder slechte +gevolgen de streek van de koorts was doorgekomen en een der bekendste +steden van Perzië had bereikt. + +Astrabad, dat in den bloemrijken stijl van het Oosten _Dar-ul-Muminin_, +dat is de Woning der Geloovigen heet, is voor zoover men kan nagaan, +geen oude stad, hoewel de plaats volgens de legende gesticht is +door Nosjirevan, met geld, gegeven door Azad Mahan, gouverneur +der Keronans. Voor Engeland is de stad buitendien interessant om de +mislukte poging, in de 18de eeuw gedaan, om er een engelsch-perzischen +handel te vestigen. + +In het begin der 19de eeuw heeft men zich van het belang van Astrabad +te veel voorgesteld. Napoleon en czar Paul I hadden het plan gevormd, +langs dien weg een aanval te wagen op Britsch-Indië. Het werd weer +opgevat door Rusland tijdens den Krim-oorlog; maar zoowel in het eene +als in het andere geval zou de uitvoering zeker op een noodlottige +ramp zijn uitgeloopen. + +Thans heeft de transkaspische spoorweg het stadje alle gewicht +ontnomen, ofschoon bij een aanval op Perzië uit het Noorden de +bezetting van Sjahroed, na de verovering van Astrabad, de hoofdstad +zou afscheiden van Medsjed. + +Astrabad beslaat nu misschien de helft van de oorspronkelijke +oppervlakte, en er wordt mij gezegd, dat de bevolking niet meer +dan tien duizend zielen bedraagt. De meeste straten zijn geplaveid, +waarschijnlijk door shah Abbas, en de huizen zijn van natuursteen of +van gebakken steen opgetrokken met daken van roode pannen, wat een +vroolijk gezicht geeft zelfs in den winter; daar op de muren overal +bloemen zijn geplant, moet het er in het voorjaar aardig uitzien. Er +zijn in de stad veel zeepfabrieken; potasch wordt er bereid uit +planten van den oever der rivier. Ook kruit wordt bereid in Astrabad, +maar dat is dan ook alle plaatselijke industrie. + +Er begon veel sneeuw te vallen, een zonderling gezicht, terwijl de +oranje-appels aan de boomen hingen. Ik vertrok op de jacht, hopende +dat de sneeuw de herten uit de bergstreken naar beneden drijven +zou. Ik zag er niet één, hoeveel moeite ik mij ook een heele week lang +gaf. Daarentegen zag ik wel veel wilde zwijnen, en ik doodde er een, +om mijn nieuw geweer te probeeren. + +Toen ik te Astrabad terugkeerde, waren de toebereidselen voor mijn +bescheiden expeditie in het turkmeensche land afgeloopen, en ik begaf +mij in noordelijke richting op reis. Terwijl het woud bijna den +zuidkant der stad bereikt, is het land in 't noorden vlak en open +en veelal bebouwd. Na door een paar gehuchten te zijn getrokken, +bereikten wij de Kara Soe of Zwart Water, een rivier met langzaam +stroomend, slijkerig water. Er ligt een brug over naar het land der +Turkomannen. Enkele mijlen trokken wij voort door een zeer vruchtbare +vlakte en kwamen toen aan de oevers der Gurgan, een rivier, waarvan de +naam denzelfden wortel heeft als het woord Hyrcanië. Een tweede brug, +even stevig als de eerste, ligt bij het fort Akkala of het Witte Fort, +een oude plaats van de Kadjaren, waar nog een garnizoen is en die er +indrukwekkend uitziet. Wij gingen den stroom niet over, maar trokken +langs den linker oever, om zoo te komen in het kamp van Moesa khan, +hoofd der Ak-Atabai, voor wien ik een brief had van kolonel Stewart. + +Om u een alasjoek of Turkomannen-woning voor te stellen, moet ge +denken aan een kring van omgebogen takken, min of meer in den vorm +van een bijenkorf en zoowat twintig voet in diameter; zwart vilt is +over alles heen getrokken, en het resultaat is een beweegbaar huis, +dat ten minste als het koud weêr is, de voorkeur verdient boven een +tent. Binnenin wordt het hebben en houden van den eigenaar bewaard +in reuzenpakken, terwijl de karabijn van den heer des huizes binnen +het bereik van zijn hand is. Stukken tapijt bedekken de reten en +spleten van het vilt, en als er vuur brandt op den open haard, kan men +zich comfortabel voelen in zulk een verblijf. Alleen de rook blijft +een groot bezwaar. Ieder kamp werd bewoond door een aantal gezinnen +tusschen tien en dertig. Zij brengen zoo vijf maanden door ten zuiden +van de Gurgan, halen hun oogst binnen en laten daarna weer hun kudden +weiden dichtbij de Atrek. + +Men kan als vaderland der Turkomannen beschouwen een strook gronds, +die beginnend bij de baai van Astrabad doorloopt tot het punt, waar +de drie staten Rusland, Perzië en Afghanistan samenkomen. + +Hun eerste belangrijk optreden in de geschiedenis dagteekent van de +12de eeuw, toen zij sultan Sandjar van den troon stieten. In de 19de +eeuw gaf Shah Abbas bij zijn troonsbestijging aan talrijke koloniën +van Koerden grondgebied in die streken, wat een slag was voor de +turkmeensche roovers; maar zij bleven tot hun definitieven val, na de +inneming van Khiwa en van Merw, een ware plaag voor Perzië. Men kan +daar goed over oordeelen, als men, zooals ik, vroegere gevangenen +van hen heeft gezien en gehoord heeft wat zij hadden te verdragen, +te meer daar bij de natuurlijke wreedheid der Turkomannen zich de +haat voegde van de Sunnieten tegen de Sjiïeten. De heer Vambéry heeft +mij verteld, dat, hoewel hijzelf tijdens zijn gevangenschap aan de +Atrek heel goed werd behandeld, hij getuige moest zijn van allerlei +tooneelen, die hem de Turkomannen deden verfoeien. + +Zeer tegen mijn zin was Moesa khan voor den nacht naar Astrabad +gegaan. Ik maakte van den dag, dien ik wachtende moest doorbrengen, +gebruik, om de ruïnen van de stad Kizil-Alan te gaan zien. Er zijn +ook verschillende hoogten, die verspreid in het dal der Gurgan +liggen, waar door reizigers veel onderzoekingen zijn gedaan. Enkelen +hebben er reeksen van seinposten in willen zien. Het is eenvoudiger, +te veronderstellen, dat het ruïnen van dorpen of steden zijn. Wij +kunnen er niet meer van zeggen, vóór men systematische opgravingen +zal hebben gedaan. Dan zal een rijke oogst de exploratie van het oude +Hyrcanië beloonen. + +Zoodra hij was aangekomen, liet Moesa khan mij door Joessoef weten, +dat hij het niet op zich durfde nemen, mij door het turkmeensche land +te laten gaan. Ik kon er zeker van zijn, te worden gedood of bestolen, +en hij zou er door de perzische regeering voor aansprakelijk worden +gesteld. Het kostte mij zeer veel moeite, hem op zijn besluit te +doen terugkomen. Eindelijk, na verloop van drie dagen, gaf hij toe op +de bedreiging, dat zijn naam van gezaghebbend hoofdman er in Europa +onder zou lijden, en zoo beloofde hij, mij een geleide te bezorgen +tot de Atrek. Drie bloedverwanten van hem zouden mijn verdere reis +organiseeren. + +Dus scheidde ik van mijn gastheer op de plek, waar wij de Gurgan +over moesten trekken, en wij trokken noordwaarts door de besneeuwde +steppe. Eerst was die geheel vlak, maar bij het naderen van de Atrek +gingen wij over een keten van lage bergen, bekend onder den naam +Kara-tapa of Zwarte heuvels. 's Avonds bereikten wij in een sneeuwstorm +een kamp van den stam der Atabaï, waar wij den nacht doorbrachten. Die +stam telt ongeveer twee duizend gezinnen in Perzië en duizend in +Rusland. Wij zetten toen den tocht langs de Atrek voort onder het +geleide van een turkmeenschen mollah, Hak Nafas, die niet erg zeker +van zijn zaak was. Ik vernam van Joessoef, dat het een roover was, +die niet viel te vertrouwen. + +Vóór hij van ons wegging, had hij op fluisterenden toon een gesprek +gevoerd met enkele mannen van ons gevolg, 's Avonds van dien dag, +toen wij de rivier waren overgegaan, kampeerden wij bij een groep van +vijf tenten. Wij kregen niet als gewoonlijk een uitnoodiging om binnen +te komen in de alasjoeks, en het viel niet moeilijk, uit een en ander +op te maken, dat men iets tegen ons in den zin had. Ik barricadeerde +dus mijn tent en bleef wakker, wat niet al te moeilijk was, aangezien +ik gekweld werd door hevige kiespijn. Tegen middernacht kwamen de +Turkomannen op onze tent af, kruipend en met geladen geweren. Toen +ze op vijfhonderd meters afstands waren, ging Joessoef zeer beleefd +naar hun gezondheid informeeren. Waarop zij, zonder een woord te +zeggen, verdwenen. Wij belaadden onze muildieren vóór zonsopgang, +en Joessoef, die al dien tijd zich kranig en dapper hield, sprak +de dieven in partibus, die bij ons gebleven waren, krachtig toe en +verweet hun de schending van de wetten der gastvrijheid, hen dreigend +met allerlei verschrikkelijke straffen. Ten slotte verdwenen zij ook +en lieten ons met rust. Denzelfden dag waren wij bijna overvallen door +onze gidsen van den vorigen dag, die ons op den anderen oever van de +Atrek volgden. Maar zij trokken zich terug, waarschijnlijk overtuigd, +dat de Sahib machtige beschermers hebben moest, en dat hij anders +zich ook nooit in deze streken zou hebben gewaagd. + +Te Aksjanim, beneden een kloof, waar de Atrek door vloeit, kwam ik op +het grondgebied van de Goklan-Turkomannen. Dit was de eerste plek, +waar mij een vriendelijke ontvangst bereid werd. Mijn gastheer, +Mustapha Koeli, was in 1874 verbonden geweest aan de zending van den +Honorable G. Napier naar de Gurgan. + +Wij passeerden daarna langs een zeer sterke helling den doorgang, +die bekend is onder den naam Hanaki-pas; de top is 1020 M. hoog. Van +daar deed het dal, dat wij juist waren doorgegaan, zich voor als een +reliëfkaart; op den achtergrond verhief zich de Sonar Dagh. Overal +om ons heen waren sneeuwvelden, en de wolken dreigden met nieuwen +voorraad. Dus haastten wij ons, en toch was het maar even vóór +zonsondergang, dat wij het fort Amend, waarvan niet veel meer dan +een puinhoop over is, bereikten. Er waren enkele tenten der Toktimasj +omheen gegroepeerd. + +Den volgenden dag ging het met moeite door het dal der Insja, om daarna +weer over een pas te trekken en den daarop volgenden dag bereikten +wij in een bebouwde streek en op den weg van Astrabad naar Boesjnoert +het dorp Semalgan, waarschijnlijk Samangan van sjah Nameh, een der +talrijke dorpen, die aan de Koerden behooren. Onnoodig te zeggen, +dat ik blij was, het land der Turkomannen achter mij te hebben, +maar ook dat het mij aangenaam was, een blik te hebben mogen werpen +op hun gewoonten en hun denkbeelden, wat mij nooit zou zijn gelukt, +als ik met een uitgebreid escorte had gereisd. + +De Koerden ontvingen mij vriendelijk. Zij hadden nog veel herinneringen +bewaard van kolonel Napier. Maar ik werd er een weinig verlegen mee, +dat ik na hem dit bezoek aflegde; hij had edelmoedig geschenken +uitgedeeld en ik trok door met ledige handen. + +Over den Halinurpas gaand, die door een hooge bergketen een weg +opent, kwamen wij eindelijk in het stadje Boesjnoert. Ik werd er zeer +vriendelijk door den gouverneur ontvangen, die mij geluk wenschte met +het ongedeerd volbrengen van zulk een gevaarlijke reis. En inderdaad, +nu eerst begon ik mij rekenschap te geven van de gevaren, die ik had +geloopen. Kolonel Yate, die een jaar later met zeventig man door +deze streek trok en een gewapend geleide bij zich had, noemt haar +"het meest woeste en onafhankelijke gedeelte van het gebied der +Turkomannen, waar de Perzen geen voet durven zetten." + +De provincie Khorassan, die wij nu pas hadden betreden, ligt in +den noord-oosthoek van Perzië; de naam beteekent Land der Zon. Zij +besloeg vroeger een verbazende uitgestrektheid; ze strekte zich van +de Kaspische Zee tot Samarkand uit en zuidelijk tot de grenzen van +Sind. Tegenwoordig reikt zij van den transkaspischen spoorweg in het +Noorden tot Seïstan in het Zuiden en van Afghanistan in het Oosten +tot Astrabad in het Westen. De oppervlakte is door lord Curzon geschat +op 375,000 tot 435,000 vierkante kilometers. + +Op den avond van mijn aankomst legde ik een bezoek af bij den +Saham-u-dola, een hoofd, dat hoog in aanzien stond. Ik zei hem eerst +niet, dat ik een officier was, die voor mijn genoegen reisde; maar +toen ik bemerkte, dat hij in mij een deelgenoot zag van de een of +andere bijzondere zending, vertelde ik hem de waarheid. Hij geloofde +mij niet, natuurlijk. Een Oosterling reist nooit anders, dan om geld +te verdienen of als pelgrim. + +Boesjnoert is een stadje van misschien tien duizend inwoners. Er is +maar één lange straat; de plaats is door een telegraaflijn met Mesjed +verbonden, en er gaat wekelijks een post tusschen beide steden. De +straat is vol winkels, waar men russische samovars en manchestersch +katoen ziet. Ik kocht er drie turkmeensche tapijten voor ongeveer +zeven pond. Een goed gesternte had mij bij den koop geleid, want ze +waren in Engeland vier- of vijfmaal die som waard. + +Daar drie dagen voldoende bleken, om alle merkwaardigheden van +Boesjnoert te bekijken, huurden wij versche muildieren en gingen +op weg naar Koetsjan. Door de Mesjedpoort vertrokken, reisden wij +langs de oude stad, waar nog slechts ruïnen van over zijn en daalden +af naar de Atrek. Onder de vele dorpen, waar wij doorheen trokken, +hadden enkele vierkante torens, gelijkend op die van engelsche kerken; +overal was welvaart te bespeuren, veel meer dan wij hadden gevonden in +het door de natuur rijker bedeelde district Astrabad. Den volgenden +dag gingen wij over een in goeden staat zijnde brug, en bij Sissah +betraden wij het gebied van Koetsjan. Het dal wordt breeder; de grond +is zeer vruchtbaar, en de dorpen zijn even talrijk als in sommige +deelen van Pendsjab. + +Op onzen tocht waren wij getuigen van een nog in wezen zijnd oud +gebruik, het huwelijk bij roof. Wij ontmoetten eerst het geleide +van een bruid te paard; zij was gekleed in een rijk wit met rood +gewaad. Iets verder vonden wij andere ruiters, die bij de nadering der +dame een soort van gevecht nabootsten, tot zij een teeken had gegeven, +dat zij zich overgaf. + +Te Sjirwan kwam ik weer in bekende streken en wel op den weg naar +Koetsjan daar, waar een levendige handel wordt gedreven met Geok +Tepe, het punt, dat het dichtst bij den transkaspischen spoorweg is +gelegen. De Atrek was hier niet veel meer dan een groote beek. Een +tocht van 35,000 mijlen door een der vruchtbaarste dalen van +Perzië bracht ons te Koetsjan. Het district, waar die plaats de +hoofdstad van is, moet als het belangrijkste der drie koerdische +districten worden beschouwd; tot in den jongsten tijd was het half +onafhankelijk. Nadir Shah werd vermoord in 1747, toen hij een poging +deed, het te onderwerpen. De _ilkhani_ is reeds door lord Curzon op +amusante manier beschreven; hij is gewoonlijk in een toestand van +ontoerekenbaarheid door de uitwerking van opium of alcohol, en men +moet hem altijd drie dagen van te voren, een bezoek aankondigen. Ik +onthield mij van een visite, daar ik geen tijd wilde verliezen. + +Ik vond te Koetsjan een brief van den engelschen consul-generaal +te Mesjed, den heer Elias, die zoo vriendelijk was, mij te melden, +dat hij mij op een dagreis afstands van de stad een _sowar_ en twee +paarden had tegemoet gezonden. Wij namen een wagen, om ons met onze +bagage naar de stad te brengen. + +Het land was vruchtbaar maar eentonig. Door de strenge vorst was de weg +hard en vlak. In den namiddag van den derden dag ontdekte ik een man +in de verte, die de sowar bleek te zijn, en in minder dan vijf minuten +draafde ik in de richting van Mesjed, terwijl Joessoef in het rijtuig +volgde. Vóór ons schitterde op vele mijlen afstands de prachtige +vergulde koepel als een vuurzee in de stralen van de ondergaande zon. + +Een nieuwsgierige menigte wachtte ons af op de pleinen der stad. Door +de Khiaban, de hoofdstraat, iets als het _Unter den Linden_ der +plaats, daarna door de kronkelende straatjes, kwamen wij aan het +Consulaat-generaal, waar wij hartelijk werden ontvangen. Nu ik +twee maanden lang buiten de beschaafde wereld had verkeerd, was +ik onuitsprekelijk gelukkig, mij weer in een bevriende omgeving +te bevinden. + +Mesjed, welks naam beteekent "Graf eens Martelaars", heet zoo, +omdat men er het graf vindt van een heilige Reza, den achtsten +iman. Zijn monument behoort tot de rijkste en meest bezochte van +Azië. De schatten, die er bewaard worden, bestaan niet alleen uit +ruime jaarlijksche schenkingen van geld en kostbaarheden, maar het +graf ontvangt ook giften en legaten in grond en tuinen, en wel van +alle klassen der bevolking. Het is niet toegankelijk voor christelijke +bezoekers, een regel, waaraan men zich in Perzië bij vele instellingen +houdt. Toch is hij niet steeds in acht genomen, en de spaansche gezant +aan het hof van Timoer, Ruy Gonzalez de Clavyo, vertelt, dat hij de +moskee te Mesjed heeft bezocht. + +Het tegenwoordige heiligdom ligt, naar ik hoor, in het midden tusschen +drie groote pleinen. De bouwtrant, de opengewerkte lantaarn en het +gouden traliewerk geven er van buiten een ernstige schoonheid aan, +geschikt om een diepen indruk op vrome gemoederen te maken. + +Mesjed is tegenwoordig een belangrijke stad uit het oogpunt van den +handel en de politiek. Van engelsch standpunt gezien, zou het een goede +post zijn ter bewaking van westelijk Afghanistan en een bruikbaar +entrepôt voor den engelsch-indischen handel. Maar voor Rusland is +de post van nog veel grooter beteekenis, daar Mesjed de hoofdstad +is van de provincie Khorassan, waarvan Askhabad voor zijn onderhoud +afhankelijk is. Zooals men wel kan begrijpen, zijn de bazars voor +'t meerendeel gevuld met russische goederen, maar de voorwerpen van +engelsche herkomst worden op niet minder hoogen prijs gesteld. Men kan +hier een beeld vinden van den strijd tusschen de beide mogendheden, +die elkaâr den invloed in Perzië betwisten. + +Ten tijde van mijn bezoek werd het ambt van britsch consul-generaal +waargenomen door den sedert overleden heer Ney Elias, den deken van +een reeks van bekende reizigers in Centraal-Azië. De belangen van +Rusland waren toevertrouwd aan den heer Vlassof, die nu een ruimer +arbeidsveld gevonden heeft in Abessynië. Zooals dat dikwijls het +geval is, hadden hij en zijn secretaris engelsche vrouwen getrouwd, +wat voor mij de genoegens van het samenzijn nog grooter maakte. Ik ben +nooit ergens vriendelijker ontvangen dan in die kleine maatschappij, +de europeesche kolonie van Mesjed. En toen ik dan ook na verloop van +een week vertrok, om mij naar Kirman te begeven door de Loetwoestijn, +deed het mij innig leed de vrienden te verlaten, van wie ik een week +te voren geen enkele kende. + +Na het verlaten van Mesjed volgden wij den weg van Teheran naar +Sjerifabad. Hij loopt door een golvend terrein en maakt een bocht op +het punt, waar de uit het Zuiden komende pelgrims voor de eerste maal +den heiligen koepel der groote moskee aanschouwen. + +Den tweeden dag na ons vertrek ging het over den Bidarpas, waar wij tot +onze groote verbazing een dikke sneeuwlaag vonden. Van dien pas, die +bijna 2000 M. hoog is, daalden wij naar een rivierdal. De benedenloop +van den stroom heet Kal-i-Sala. Er ligt een pas gebouwde brug over, +een vreemd verschijnsel in Perzië. + +Na weer door heuvelachtige streken te zijn getrokken, kwamen wij +te Turbat, stad van 15000 inwoners, nog op ouderwetsche manier +Turbat-i-Haidari genoemd, naar het graf van rooden steen van een +beroemd heilige, Kutb-u-Din-Haider. Tegenwoordig gebruikt men meestal +den naam Turbat-i-Ichak-Khan, naar een hoofd van de Karaï's, die ter +dood gebracht werd nadat hij beproefd had, Mesjed te veroveren aan +de spits van een vereeniging van stammen. + +Turbat, dat te midden van tuinen ligt, is sinds 1901 een belangrijk +russisch centrum geworden; een russisch dokter is er gevestigd +onder bescherming van Kozakken voor de gevallen van pest- en +cholera-epidemieën. Zijde was oudtijds het hoofdproduct van deze +streek, en tegenwoordig begint men weer meer aan die cultuur te +doen, hoewel de nawerking der ziekte van de zijderupsen zich nog +doet gevoelen. + +Na Turbat volgden wij den loop der Kal-i-Sala en moesten dikwijls van +richting veranderen. Het was belangrijk op te merken, hoe alle op de +kaart aangegeven dorpen verwoest waren, terwijl er in de nabijheid +nieuwe gehuchten waren ontstaan, en tot onze nog grootere verbazing +was de rivier, die zich naar het Westen wendt, voorgesteld als naar +het Zuidoosten stroomend. + +Vervolgens reden wij naar Djangal, Bimurgh, Beidukht. Het laatste +dorp is bekend als de woning van den groot-murschid van Perzië, een +man, die zeer grooten invloed uitoefent, vooral op de kooplieden van +Teheran. Zijn naam is Hadji Mullah sultan Alé, hij heeft een mooie +school of _mederssch_ laten bouwen, waar hij dagelijksch lessen geeft +en preekt. Hij moet ongeveer zestig jaar zijn. + +Djouvein, de hoofdstad van het district Gunabad, bestuurd door den +gouverneur van Turbat, heeft een bevolking van 8000 inwoners en een +kleinen bazar. Men maakt er een soort van aardewerk, zoo grof en zoo +leelijk, dat ik geen enkel stuk ervan kon koopen. + +De vlakte van Gunabad ligt aan den voet van een bergketen, die van +het Zuidoosten naar het Noordwesten loopt, en hier het betrekkelijke +hooggelegen land, dat ik doorreisd had, scheidt van de sombere +Loetwoestijn, die ik weldra zou betreden. Verder naar het Westen sluit +het terrein zich aan bij het noordelijk deel van die woestijn. Na +die keten te zijn doorgetrokken, kwamen wij te Toen, een ommuurde +stad van 4000 inwoners. Binnen de stad zelf waren veel tuinen, en +het algemeene aanzien van de plaats was niet onbehagelijk. + +Zoo had ik dan de noordgrens bereikt van de groote woestijn, die +ik voor de eerste maal zou doorgaan, en waar ik nog dikwijls zou +terugkeeren. Laat ik er een korte beschrijving van geven. Eerst moet +ik meedeelen, dat verschillende aardrijkskundigen zonder voldoende +reden de groote perzische woestijn verdeeld hebben in twee deelen, een +noordelijk, het Dasjt-i-Kavir, en een zuidelijk, het Dasjt-i-Loet. Lord +Curzon, die drie afleidingen mogelijk acht van het woord _havir_, kiest +terecht het arabische _hafr_, dat beteekent "zoutmoeras". Dat woord is +nog voortdurend in gebruik in Zuid-Perzië. Wat de uitdrukking _Loet_ +betreft, die is stellig afgeleid van Lot, en de gidsen wijzen nog +dikwijls in de groote woestijn de Sjahr-i-Loet of "steden van Lot". Zij +leggen dan uit, dat de Almachtige ze door hemelvuur verwoestte, +juist als de plaatsen, die nu bedolven liggen in de Doode Zee. + +Na langdurige onderzoekingen ben ik tot het besluit gekomen, dat de +geheele woestijn van Perzië niet anders heet dan Loet (Dasjt-i-Loet +is een weinig gebruikte uitbreiding), en dat zij een aantal _kavirs_ +bevat, die alle eenzelfde karakter hebben. Ik geef intusschen toe, +dat zij talrijker zijn in het Noorden, waar nog het meeste water +wordt aangetroffen. Een Pers, in Engeland opgevoed, heeft mij gezegd, +dat hij wel den weg Yezd-Pabas had aangewezen gezien op de kaart als +het punt, waar twee woestijnen bij elkander komen, maar dat al zijn +pogingen, om op de plaats zelve zich te overtuigen van het bestaan +eener woestijn Dasjt-i-Kavir, mislukt waren. Dat had zijn eerbied +voor de europeesche kaarten aan het wankelen gebracht. + +De groote Loetwoestijn breidt zich van de buurt van Teheran tot de +grens van britsch Beloetsjistan uit over een lengte van meer dan 100 +KM. Het is de oostelijke afhelling van die groote uitgestrektheid, die +het dorp Basiran draagt, het hoogste punt op 1400 M. Ik heb het dorp in +1899 bezocht. De gemiddelde hoogte der woestijn is ongeveer 600 M.; de +laagste punten bij Khabis liggen ter hoogte van 300 M. Het slechtste +gedeelte van de Loetwoestijn is dat tusschen oostelijk Perzië en +Khabis, dat in het midden der 19de eeuw door Khemikoff doorreisd werd. + +Ziehier wat hij schrijft: "Men zal zich gemakkelijk ons genoegen +kunnen voorstellen, dat wij veilig en ongedeerd waren, nadat wij +een woestijn waren doorgetrokken, die in dorheid door geen andere +in Azië overtroffen wordt; vergeleken bij den Loet, zijn de Gobi en +de Kizel-Koem inderdaad vruchtbare weiden. Ik heb den troosteloozen +aanblik van de landengte van Suez gezien. Veel gedeelten van die +dorre streek schijnen getroffen door dezelfde onvruchtbaarheid als +de Loetwoestijn; maar dit karakter is dan nooit over zoo groote +uitgestrektheden heerschend." + +Gemeenlijk neemt men aan, dat de Loet een oude binnenzee is +geweest. Die meening is onder anderen gegrond op het bestaan van +een werkzamen vulkaan, te Sarhad, van den uitgedoofden vulkaan +Koeh-i-Bazamn, en op veel legenden. + +Ik ben ook van oordeel, dat door de moordende oorlogen, waar +Perzië onder heeft geleden, de grenzen der woestijnachtige streken +uitgebreid zijn. Perzië is een woestijn met dorpen, waartusschen zich +enkele bebouwde mijlen uitstrekken en die met moeite door middel van +irrigatie worden in stand gehouden. Als er geen water meer is, gaan de +dorpelingen heen, en omgekeerd, als de dorpsbewoners gedood zijn, raken +de kanalen en waterleidingen verstopt, en de woestijn wordt grooter. + +Buiten de Loetwoestijn zijn er gebieden in Perzië, waar men drie of +vier dagreizen lang geen enkel dorp ziet. Al die kleine woestijntjes +lijken op de groote. Ik moet er bijvoegen, dat, zooals uit alles +blijkt, de regenhoeveelheid verminderd is. Oorzaak en gevolg van dat +feit is, dat het land zoo goed als in 't geheel geen boomen heeft. De +twee groote zaken, waaraan Perzië behoefte heeft, om materiëel een +herleving te ondergaan, zijn het water en het woud. + +Ik heb de pretentie, die ik meen dat gerechtvaardigd is, dat ik de +eerste Europeaan ben, die dit deel van de Loetwoestijn doorkruist heb, +hoewel ik op het oogenblik dat ik de zaak in studie nam, meende, +dat ik de sporen van Marco Polo volgde. Buitendien biedt de weg, +als men de noodige voorzorgen neemt, geen groote moeilijkheden aan, +ten minste gedurende zeven maanden van het jaar. Het is de hoofdweg +van Kirman naar Mesjed, en bij gevolg wordt hij nu door duizenden +reizigers, vooral pelgrims, betreden. + +Voorbij Toen sloegen wij de richting van het Zuiden in, en nadat +wij de bebouwde streken achter ons hadden gelaten, kwamen we in een +district van lage, door de zon verbrande, zwarte heuvels. Alle vier +mijlen troffen wij waterreservoirs, bekend onder den naam van _hauz_ +en bestaande uit onderaardsche gewelven, waarin men langs trappen +neerdaalt. Het water, dat erin is, smaakt gewoonlijk slecht en in +droge jaren vindt men er vaak niets in. + +Gedurende den tweeden dag zagen wij, terwijl we met moeite door de +vlakte voortsukkelden, een keten met besneeuwde bergen, die op geen +enkele kaart stond aangeduid. Den dag daarna waren we bij het dorp +Dahuk in een inzinking van dat gebergte, dat wel 2700 M. hoog moet +zijn en Moer Koesj heet. + +De inwoners vertoonden een verbazende nieuwsgierigheid, en geen +wonder, want zij zagen voor het eerst Europeanen in hun land. Die +belangstelling was nog grooter geworden, daar ze, naar hun zeggen, +van pelgrims hadden gehoord, wat voor wonderen de Farangi's konden +verrichten en tot stand hadden gebracht, vooral te Bombay. + +Dit deel van de Loetwoestijn was veel dichter bevolkt, dan wij gedacht +hadden. Wij gingen door de dorpen Arababad en Zenagoen, van waar +een vijftig mijlen lange weg ons naar Naïband voerde. Wij hielden +stil te Ab-i-Garm, een echte _havir_ maar van een abnormaal type. Het +omliggend district werd gedraineerd door het moeras, waarin zich brak +water bevond. Er waren veel tamarinden, enkele stuks hoornvee aten +van het harde gras en wij schoten eenige eenden. + +In den avond verloren wij in een storm het paadje, dat onzen weg +verbeeldde. Toen ik bespeurde dat we geen water meer hadden, en +daar wij niet wisten hoe ver Naïband nog verwijderd was, ging ik den +volgenden morgen bij het aanbreken van den dag er alleen op uit te +paard, om mijn gezelschap water te kunnen toevoeren. + +Bij een bocht van den weg had ik eensklaps een vizioen van een +feeënland. De bergen aan de overzijde waren bedekt met palmboomen, +die hun kruinen wiegden op de lucht en waarmee het groene koren de +liefelijkste tegenstelling vormde. Op een hoogte stond schilderachtig +een oud rood fort. In het bosch van palmen binnentredend, zag ik in +alle richtingen waterstroomen. Ruime grotten maakten de omgeving nog +aantrekkelijker en mooier. + +Ik zond mijn reisgezellen een hoeveelheid water, en weldra kwamen +zij ook zelf. Wij sloegen ons kamp op bij den top van den berg, +waar wij tusschen de groene palmen de gele woestijn zagen liggen, +de brandende Loetwoestijn, die zich tot den horizon uitbreidde. Ik +hoorde, dat het dorp Naïband twee eeuwen geleden als vooruitgeschoven +post tegen de Beloetsjen gebouwd werd. Wij kwamen nu in het gebied +der strooptochten van dat volk. + +Daar de muildieren rust behoefden, bracht ik twee dagen door met een +onderzoek van het naburig gebergte, dat bijna 2800 M. hoog was. Water +vond men er zoo goed als niet. + +Onze volgende etappe zou veertig mijlen bedragen. Zij voerde +ons door echte steden van Lot, heuvels met steile hellingen, die +vizioenen wekten van torens en huizen en menschelijke gedaanten in +een schitterenden maneschijn. Wij bereikten dien dag de karavanseraï +Darband, bewaakt door een eenzamen soldaat, die zijn kost verdient met +het verkoopen van proviand tegen hongersnoodprijzen. Den volgenden +dag kwamen we in 't stadje Rawar, dat 8000 inwoners telt en beroemd +is om zijn vijgen en granaatappels, terwijl het tevens een middelpunt +is van de tapijtindustrie. Te Ab-Bid zagen wij ons plotseling omringd +door een bende Arabieren, die, nadat ze bij ons tevergeefs om geld +hadden aangeklopt, besloten de karavanseraï te plunderen. Twee mannen +kwamen ons dat vertellen en smeekten ons hen te helpen, om hun bezit +terug te krijgen. "Heel graag," was ons antwoord, en het was een waar +genoegen de bandieten te dwingen het gestolene terug te geven. In het +begin trokken ze hun messen, maar het zien van onze revolvers joeg +hun schrik aan en ten slotte gaven ze alles af wat ze gestolen hadden. + +Ons volgend kamp lag te Hur, een gehuchtje, waar oorspronkelijk enkele +soldatengezinnen woonden, die daar waren geplaatst om het land te +bewaren voor de invallen en strooptochten der Beloetsjen. Vervolgens +kwamen onze etapen van Gwark en Tejen. Vóór we Khabis bereikten, +ging de weg door den beroemden pas Kar-i-Sjikan of pas van den Dood +der ezels. Een enorme rots sluit hier den weg af, zoodat men alle +lastdieren moet ontlasten en hun lichte vrachten moet laten dragen. Een +weinig dynamiet zou voldoende zijn, om dadelijk dat euvel te verhelpen. + +Het stadje Khabis, waar wij toen aankwamen, heeft ongeveer 8000 +inwoners; het brengt uitnemende dadels voort, oranjes, henneh, de +veelgebruikte verfstof, en is een druk bezocht winterstation. Het +stadje was vele malen in handen der Afghanen, voor de Kadjaren-dynastie +in Perzië stevig gevestigd was. De reverend A.R. Blackett van de +_Church Missionary Society_, die als predikant en zendeling Khabis in +1900 heeft bezocht, vertelt mij, dat hij er de ruïnen heeft gevonden +van wat waarschijnlijk een christelijke kerk was, onder een groep +gebouwen een mijl ten oosten van de plaats. + +Vóór wij te Kirman kwamen, moesten wij nog de Koehpara-keten passeeren +over een hoogen pas; we kampeerden in het dorpje Amarestan en bereikten +den volgenden morgen de Kirman-vlakte. Het aanzien der oude, perzische +stad is niet zeer indrukwekkend, alles is er khaki-kleurig. Langs +enkele tuinen en huizen buiten de muren, traden wij voor 't eerst +Kirman binnen, zonder dat ik vermoedde later zooveel met die stad +uit te staan te zullen krijgen. + + + +II + + De provincie Kirman.--Aardrijkskunde: de flora, de + fauna, het bestuur, het leger.--Geschiedenis: invallen + en verwoestingen.--De stad Kirman, de hoofdstad der + provincie.--Een seizoen op het Sardoe-plateau. + + +De provincie Kirman is altijd belangrijk geweest sedert haar eerste +optreden in de geschiedenis. Waarschijnlijk is, in aanmerking genomen +de physieke gesteldheid van het land, hare uitgebreidheid zoo ongeveer +dezelfde als voor twee duizend jaar. Aan den anderen kant is ook +het verschil uiterst gering tusschen den naam der klassieke oudheid +_Kermania_ en dien van Kirman. + +Uit aardrijkskundig oogpunt is de provincie, bijna even +groot als Frankrijk, van veel belang, al was het alleen om de +klimaatsverschillen, de natuurlijke voortbrengselen en de volksstammen, +die men er aantreft. Over een groote uitgestrektheid is het land +vlak; de palmen groeien er goed; tarwe en gerst rijpen in den winter +en worden geoogst in het begin der lente. In sommige streken, in +Djiruft bij voorbeeld, vormen mooie plateaux, die tot 2700 M. hoog +worden, het zuidelijkste gedeelte van het perzische bergstelsel, +waarin de bergketenen zoo ongeveer in noordwestelijke richting +loopen. In het Zuiden van Kirman treft men toppen aan, die bijna tot +5000 M. reiken. In het Noorden en Oosten der provincie vermindert de +hoogte geleidelijk, maar de bergen dicht bij de hoofdstad zijn hoog, +om echter al spoedig voor de lage, eenzame vlakte van de Loetwoestijn +plaats te maken. + +De beste beschrijving, die men van de geheele provincie kan geven, +is, dat zij voor een deel zuiver woestijnachtig is en voor een ander +deel verscheiden oasen vertoont. Zoo breidt zich de woestijn wel ten +westen, ten zuiden en ten oosten van Kirman uit, maar op een afstand +van eenige mijlen vindt men kleine dorpen en hier en daar grootere +nederzettingen, in stand gehouden door bronnen, die in 't bergland +opborrelen en welker water door _kanats_ naar de vlakte wordt geleid. + +In sommige gevallen kan de eerste bron zich wel op 120 M. diepte +bevinden, en nieuwe putten moeten dan gegraven worden op kleine +onderlinge afstanden. Het is onmogelijk, de geduldige vlijt der boeren +niet te bewonderen, die erin slagen hun bestaan te verzekeren met zoo +groote inspanning. Dikwijls kan een hevige regen of een zandhoos de +kanalen verstoppen. + +Natuurlijk zijn de rivieren van geen beteekenis. Alleen de Halil Roed +verdient te worden genoemd. Zij ontspringt ten zuiden van de groote +keten, die ik noemde, loopt door het district Djiruft en stort zich +in de Bampoer. Er is tot heden geen poging gedaan, om het water voor +besproeiïng te gebruiken. + +Ook heeft men geen voordeel weten te trekken van den regenval. Daar +die te Teheran ongeveer 25 cM. bedraagt, mag men voor Kirman een +gemiddelde hoeveelheid van 17 cM. aannemen of iets minder. Maar er +zijn op dat punt groote verschillen tusschen de districten. Dat van +Djiruft is het meest begunstigd. + +Op de hooge plateaux wordt het begin van 't voorjaar bedorven door +aanhoudende hevige winden en stormen, die uit het zuidwesten geweldige +massa's stof aanvoeren. De onweersbuien zijn in goede jaren talrijk. Te +Kirman zijn de dagen in het midden van den zomer warm, maar de nachten +zijn aangenaam, en er is in den namiddag meestal wat wind. De hitte +is voorbij tegen het einde van September. Na de herfstnachtevening is +er meestal eenige dagen lang mist en nevel. Dat zal wel de mist zijn, +waarvan Marco Polo zegt: "En gij moet weten, dat als de Caraona's +een strooptocht willen doen, zij sommige tooverspreuken bezitten, +waardoor ze duisternis kunnen brengen over het aangezicht van den dag, +zóó dat ge nauwelijks uw buurman, die naast u rijdt kunt herkennen, +en zij kunnen die verduistering tot zeven dagen doen duren." + +Op deze uitzondering na is de herfst verrukkelijk, ofschoon de Perzen +de temperatuur te laag vinden en er koorts van krijgen. Dat laat +zich verklaren, daar zij teveel vruchten eten. In den winter vriest +het sterk en meestal is de lucht volkomen helder. Gewoonlijk valt er +eenige regen tegen het eind van November en een weinig sneeuw valt +in December. In Januari heeft men, als het een goed jaar is, drie of +vier dagen van zwaren sneeuwval; maar de sneeuw smelt spoedig in de +vlakte. Zoo zingt de dichter Omar Khaygam: "De hoop der wereld, waar +de menschen hun hart op stellen, wordt asch of wordt werkelijkheid; +maar dan, evenals de sneeuw op de stoffige woestijnoppervlakte, +schittert zij een kort oogenblik en verdwijnt." + +Maar toch zou zonder de bergen, die de schatten aan sneeuw bewaren voor +de tijden van nood, zuidoostelijk Perzië volkomen onbewoonbaar zijn. In +Garmsir zijn de wintermaanden zeer aangenaam, maar zelfs in Maart +wordt een tent verbazend warm, en de zomer is drukkend en ongezond, +ofschoon op vele plaatsen gemakkelijk bestijgbare bergen koelte bieden. + +De bevolking van deze groote provincie telt misschien 750,000 inwoners, +die men kan verdeelen in lieden met vaste woonplaatsen en in nomaden; +de laatsten zijn zeer talrijk. De menschen uit de steden en dorpen +zijn voor het meerendeel Iraniërs. De horden der overweldigers, die +achtereenvolgens kwamen opdagen, hebben bijna altijd een zwervend +leven geleid, een leven zoo ongeveer als ons in het Boek Job wordt +beschreven. + +De reiziger, die uit Europa komt, vindt de onvruchtbaarheid van het +land verschrikkelijk, en wat treurig mag heeten, zij is bezig toe +te nemen. Naarmate de bevolking zich meer aan vaste woonplaatsen +gewent, raakt de voorraad hout meer uitgeput, vooral door het werk +der kolenbranders. Steenkolen zijn er in het land niet, en op bijna +geen enkelen berg vindt men een echt bosch. Meestal treft men min of +meer verspreide boschjes aan van struiken; die de gomsoort tragacanth +leveren of de _assa foetida_, die in de apotheek gebruikt wordt. Op +de bergen groeien, naar men mij zeide, allerlei Alpenplanten. + +Reizen in Zuid-Perzië beteekent gewoonlijk gaan over een grond, die +een verblindend licht terugkaatst tusschen steenachtige hoogten. De +vermoeide reiziger begroet met geestdrift elk klein beekje, zelfs een +stumperige wilg lijkt hem een bewonderenswaardig ding bij zoo groote +uitgestrektheden zonder boomen. + +Tegenwoordig wordt nog, als in de oudste tijden der perzische +monarchie, elke provincie bestuurd door een gouverneur-generaal, die +voor de inning der belastingen aansprakelijk is en zich verplicht, +aan den shah een pikasj of officieel geschenk aan te bieden. De +ministers ontvangen daarbij ook gratificaties. Dank zij der gewoonte, +om salarissen uit te betalen aan de afstammelingen van bijna alle +ambtenaren en aan elken khan, kan het gebeuren, dat alle inkomsten +eener provincie op de plaats zelve worden opgebruikt. Er is mij +verzekerd, dat een der ambtenaren 172 jaargelden genoot voor zich en +zijn bloedverwanten. + +Om in de provincies de orde te bewaren, zijn in elk twee regimenten +infanterie geplaatst, waarvan vier compagnieën ongeveer altijd onder +de wapens zijn. Er zijn ook een klein aantal artilleristen met enkele +veldbatterijen. Bam en Narmasjir hebben te zamen één regiment, waarvan +de helft in garnizoen is in Beloetsjistan. De soldaten zien er over +'t algemeen goed uit en zijn flink gehard. Maar hun wapens laten te +wenschen over, terwijl de roovers meestal Martini-geweren bezitten. + +Volgens Herodotus vormden de Kermanii een der twaalf stammen van +Perzië, en de provincie Kirman maakte deel uit van de veertiende +satrapie. Strabo beschrijft ze reeds als vruchtbaar. Zooals wij +zoo aanstonds zullen zien trok Alexander er doorheen van 't Oosten +naar het Westen. Ik heb in 't geheel geen melding zien maken van +Kirman in den tijd der Parthen; maar de provincie werd beroemd, +toen na de verovering van Fars zij vermeesterd werd door Ardechis, +zoon van Papak, stichter van de nationale dynastie der Sassaniden, +die stand hield tot den tijd der arabische overheersching. Gedurende +de regeering van dit vorstengeslacht genoot deze provincie, die van +de west- en de noordgrens verwijderd lag, een volkomen vrede. + +Op het tijdstip, toen de Nestorianen in Perzië veel aanhang kregen, +werd Kirman een diocees, dat afhankelijk was van den metropolitaan +van Fars. Merkwaardig genoeg, was Perzië zoozeer één geworden met +het christendom, dat in China een decreet van keizer Iwentsoeng de +kerken aanduidt met den naam van "perzische tempels". + +De laatste der sassanidische koningen, de ongelukkige Yezdigerd, +terug moetende trekken voor de soldaten van Omar, hield eenigen tijd +te Kirman verblijf, vóór hij naar de woestijn vluchtte. + +De opstand, die in Perzië plaats had na Omars dood, hechtte de banden, +door de verovering door de Arabieren gelegd, nog steviger vast, vooral +voor de provincies, die het dichtst bij het centrum van het bestuur +lagen, zooals met Kirman het geval was. Er werden forten gebouwd en +arabische kolonies gesticht, met name in de warmste deelen van het +land, daar de aanhangers van Zoroaster nog de hooge plateaux bezet +hielden, die te koud waren voor de Arabieren. + +Wij zullen de geschiedenis van Kirman niet vervolgen gedurende de +twee eeuwen van arabische overheersching en na de stichting van +nationale dynastieën, onafhankelijk van het kalifaat. Dat zou de +geheele historie van Perzië uit dien tijd moeten zijn. Kirman zelf +had enkele onafhankelijke bestuurders, Aboe Ali, een rooverhoofdman +en de dynastie der Deïlamiten. En dan in den tijd der veroveringen +door de Seldsjukken, die op den dood van sultan Mahmoed de Ghazna +volgden, stichtte Malik Kaward, zoon van Sjaker-Beg, zich een +rijk uit de provincie Kirman; zijn dynastie hield anderhalve eeuw +stand. Deze periode heeft twee historie-schrijvers zien geboren +worden, wier werken niet in een europeesche taal zijn vertaald. De +twee belangrijkste souvereinen van deze dynastie waren Malik Shah en +Arslan Sjah. Die laatste bracht gedurende een regeering van veertig +jaren veel verbeteringen in Kirman aan, zoodat men die provincie +best bij Khorassan kon vergelijken en bij Iran. Karavanen kwamen er +heen uit alle richtingen en trokken door het land, terwijl Fars en +Oman aan Kirman onderworpen waren. Togroe Shah volgde hem op; maar +bij zijn dood bracht de oneenigheid tusschen zijn drie broeders de +provincie tot een staat van verval. + +Zij werd toen vermeesterd door den stam der Ghazzen, die Merw +hadden geplunderd en de streek binnen korten tijd tot een woestijn +maakten. Deze stam werd ten slotte ten onder gebracht door het +leger van den atabeg Sed-bin-Zangi, en van dien tijd af herstelde +zij zich niet weer van de geleden rampen. Thans wonen er de Raï's, +een onbelangrijke nomadenstam. + +Kirman had het zeldzame voorrecht te ontsnappen aan de verwoestingen +van een verovering door Mongolen, het ergste lot, waarvan de +geschiedenis gewaagt. Maar toch bleef de inval van Gengis-Khan niet +zonder indirecten invloed op zijn lot. Een officier van den khan der +Kara-Kitaï, namelijk Borak Hadjib, die door de provincie trok en zich +verbeeldde haar gouverneur te zijn, vroeg en verkreeg de erkenning van +Gengis-Khan. Hij stierf in 1234. Hij werd vervangen door zijn neef en +schoonzoon Koet-boe-din, die, nadat hem het gezag betwist was door +zijn schoonbroeder, de nieuwe gouverneur werd en in 1258 stierf aan +de gevolgen van een wond, hem door den stoot van een bok toegebracht +in de Djoeparketen in hetzelfde jaar, waarin khalief Mostasim-Billa +ter dood was gebracht door Hoelagoe, zoon van Gengis-Khan. + +Op Koet-boe-din volgde zijn vrouw, onder wie het land tot bloei +kwam. Zij stichtte dorpen en liet putten graven, en zij zetelde op +den troon, toen Marco Polo door het land reisde op zijn terugweg. Zij +stierf in het jaar 1282. Een andere vrouw, die over Kirman regeerde, +was Padsjah Katoem, een merkwaardige vorstin, die een goeden naam had +als dichteres. In deze periode werd het eiland Ormoezd schatplichtig +aan Kirman. In 1470 werd de provincie Kain vereenigd met Kirman, en +drie jaar later werden beide bij Fars gevoegd onder het gouverneurschap +van Shah Kalib. Zij deelden in het lot van het overige rijk. + +In October 1894 kreeg ik de opdracht een consulaat te vestigen te +Kirman en in Perzisch Beloetsjistan. Ik nam die met genoegen aan, +ofschoon er geen groote financiëele voordeelen aan verbonden waren, +en ik begaf mij erheen in gezelschap van mijn zuster, die haar +reisindrukken heeft weergegeven in haar werk, dat den titel draagt +_Through Persia on a side saddle_. Wij begaven ons naar onzen post +over Enzeli, Teheran, waar wij eenigen tijd bleven, Koem, Kasjan, +Yezd en Bahramabad. + +Op vier mijlen afstands van Kirman kwam een generaal mij welkom +heeten en bood mij thee aan in zijn tent. De omstreken der stad hebben +buitendien ook eenige theehuizen. Tot mijn groote verbazing zag ik een +microscopisch paardje aankomen, met schitterend fluweelen dekkleed en +gouden tuig. Op dat beestje moest ik mijn entree maken in de stad. De +_Sahib Dwan_ had het speciaal voor mij gezonden. Gelukkig kon ik +die moeilijke verplichting van de hand wijzen, door te zeggen, dat, +daar ik in uniform gekleed was, ik genoodzaakt was, mij te bedienen +van een militair zadel, en dat mijn zadel natuurlijk niet paste voor +zulk een kleinen pony. + +Toen wij het daaromtrent eens waren geworden, ging het in optocht +naar de stad met wanhopige langzaamheid en voorafgegaan door een +troep van ongeveer tweehonderd ruiters en talrijke bij den teugel +geleide paarden. De hindoesche kooplieden en de zoroastrische gemeente +heetten ons welkom. Bij de westelijke poort klonk een fanfare, en +een honderdtal menschen liep mee met den stoet, die langzaam door de +nauwe bazars ging, waar alle handel stilstond. + +De tuin, die voor het consulaat gehuurd was, lag een mijl buiten de +wallen, maar ten slotte bereikten wij dien toch. Wij werden een trap +opgeleid en weer werd ons thee gepresenteerd. Daarna vertrokken tot +mijn groote verlichting allen, die aan de _istikbal_ of receptie +luister hadden trachten bij te zetten. + +De hoofdstad van de provincie Kirman is reeds van den aanvang af +een belangrijk middelpunt geweest; maar het is zeker, dat het oude +_Karmana_ niet op dezelfde plek lag als de tegenwoordige stad. Zooals +met zooveel steden in Perzië het geval is, hangt ook Kirman van de +putten of kanats af voor zijn watervoorziening. De plaats ligt in +een inzinking, nog altijd 1730 M. boven het niveau der zee, aan den +voet van een kalkgebergte, dat geheel door woestijnen omgeven is; +maar daar er veel wegen samenkomen, is er een middelpunt voor den +handel ontstaan. + +Als men van het Oosten te Kirman komt, lijkt de stad een vrij verwarde +opeenhooping van minarets en moskeeën, met bijna overal ruïnen +eromheen. De beide forten, die de stad beheerschen, waren vroeger +middelpunten van verkeer. Aan de westzij ligt een mooier gedeelte, de +Bag-i-Ziriss, waar veel tuinen zijn, een soort van uitspanningsoord, +dat een oppervlakte van 250 hectaren beslaat. De tegenwoordige stad +Kirman is omgeven door een muur in goeden staat, met zes poorten, +waarvan één, bekend onder den naam _Sultani_, het werk moet zijn +van Sjah Roek. De vorm der stad is onregelmatig; de middellijn van +oost naar west bedraagt juist een engelsche mijl of 1609 M., die +van noord naar zuid is een paar honderd meters langer. Er zijn vijf +wijken, met de namen Sjahr, Khodja-Khizr, Koetbabad, Meidan-i-Kala +en Sjah-Actil; men kan er de drie buitenwijken Gabri, Mahoeni en +Yoe-Moedi nog bijvoegen. + +Aan den westelijken muur grenst het Fort, waar de gouverneur-generaal +resideert. Daar zijn ook het telegraafkantoor, de kazernen en het +arsenaal. Die gebouwen zijn voor het meerendeel modern; ze zijn mooi +en goed onderhouden. Een groote tuin omgeeft de particuliere vertrekken +van Zijne Excellentie. + +Tot 1896, het jaar toen het door een aardbeving verwoest werd, was +het merkwaardigste gebouw van Kirman de Koeba Sabz of Groene Dom. Het +was het graf van de dynastie der Karakhiten; het was een eigenaardig +cylindrisch monument, bijna 16 M. hoog met groenachtige mozaieken, +terwijl de vloer van binnen sporen van veel goud vertoonde. + +Niet ver van daar is een steen, die prachtig gebeeldhouwd is en +waarop verzen van den Koran staan. Hij is gevoegd in den muur van een +vierkant gebouw, gedekt door een koepel en op dezelfde wijze versierd +als de Koeba Sabz. Een gewelf eronder schijnt er op te wijzen, dat +het ook een graf is geweest, maar de eenige inlichting, die ik op dit +punt te Kirman krijgen kon, was dat het gebouw der Khodja-Atabeg of +Sang-i-Atabeg heette. + +Kirman, dat in de oostersche talen _Das-ul-Aman_ heet, dat is "Woning +des Vredes" kan met de voorsteden een bevolking van een weinig minder +dan 50,000 zielen tellen. Uit godsdienstig oogpunt is zij aldus over +de verschillende secten verdeeld: sjiiëtische Mohammedanen 37,000, +sunnietische 70, Babi's Behaï 3000, Babi's Ezeli 60, Sjeikhi's 6000, +Soefi's 1200, Joden 70, Zoroastriërs of Persen 1700, Hindoes 20. + +De Babi's, aanhangers van Mirza-Ali-Mohammed van Sjiraz, in 1848 ter +dood gebracht, maken in 't geheim tal van proselieten. Zij hebben +verheven principes, willen vriendschappelijke betrekkingen tusschen +alle menschen, afschaffing van godsdienstoorlogen, studie van nuttige +wetenschappen enz. De uitbreiding van de leer der Babi's zou voor de +wedergeboorte van Perzië veel goed kunnen doen. Zij zijn verdeeld +in Ezeli's of Behaï's, al naarmate zij de leer van Mirza-Yahia, +sub-i-Ezel, den opvolger door den stichter der leer zelf aangewezen, +zijn toegedaan of volgelingen van Mirza-Husein-Ali, Beha Ulla, zijn +ouderen broeder, die zich in 1866 tot hoofd der sectie opwierp. + +De secte van de Sjeikhi's heeft, ofschoon men het tegendeel heeft +beweerd, veel overeenkomst met die der Babi's. Zij is gesticht door +Sjeik Ahmad, d'Ahsa of Lahsa op de Bahreineilanden, die ongeveer 1750 +werd geboren. De secte telt 7000 volgelingen in de provincie Kirman +en 50,000 in Perzië. Het tegenwoordige hoofd is Hadji Mohammed Khan, +een man met vriendelijke, wellevende manieren, die een uitgebreide +wereld- en menschenkennis bezit, aangenaam is in den omgang en vrij +blijkt van alle dweepzucht. + +De Joden uit Kirman zijn er ongelukkig aan toe. Het zijn kleine +kooplui, bespottelijk inhalig en op hun voordeel uit. 't Is een tak +van een grootere kolonie, te Yezd gevestigd en die uit Bagdad gekomen +moet zijn. + +De Zoroastriërs, interessant omdat zij aanhangers zijn van zulk +een ouden eeredienst, zijn ook belangwekkend om de zuiverheid van +hun bloed. Het zijn echte Iraniërs zonder die mengeling van arabisch +bloed of van mongoolsche en turksche elementen, door achtereenvolgende +invallen in Perzië ingevoerd. Zij vormen een schooner en gezonder ras +dan hun muzelmansche geloofsgenooten. Hun broeders in den geloove uit +Bombay geven een voorbeeld van physieken achteruitgang, waarschijnlijk +teweeggebracht door het klimaat van Indië. + +Uit industriëel oogpunt was Kirman tot voor weinige jaren uitsluitend +bekend om zijn sjaals, maar tegenwoordig nog meer om de tapijten. Die +weergaloos mooie producten van zijn weefstoelen worden geweven +uit zijde en wol, en de fijnheid, de schitterende kleuren maken ze +inderdaad tot de schoonste ter wereld; alle andere weefsels schijnen +daarnaast banaal. De modellen zijn zeer oud en dagteekenen blijkbaar +uit den vóór-mohammedaanschen tijd. Er komen dikwijls menschenfiguren +op voor, maar meer gestyliseerde bloemen, alles met een prachtige +mengeling van kleuren. + +Te Kirman zelf telt men ongeveer een duizendtal van die +weefstoelen. Elk tapijt wordt gemaakt door een meester-wever en +twee of drie kleine jongens, die naar een formule werken, welke zij +opzeggen en die veel verouderde woorden bevat. Het wordt beweerd, +dat die formules van mond tot mond zijn gegaan, overgeleverd van den +vader op den zoon, eeuwen en eeuwen lang. Er worden geen vrouwen, +noch meisjes aan dit werk gezet. + +Anilineverfstoffen, die de tapijtindustrie onder de nomaden bijna +onmogelijk hebben gemaakt, worden zorgvuldig vermeden. + +De sjaal wordt geweven uit geitehaar of wol. Evenals bij de tapijten, +worden de modellen van buiten geleerd; maar het werk is veel fijner +en kan alleen door kinderhanden worden verricht. + +Andere industrieën van minder beteekenis zijn de fabrieken van vilt, +van _abba's_, dat zijn overkleeden van arabischen oorsprong en veel +door de Perzen gedragen, van voorwerpen uit brons gemaakt, enz. + +Mijn verblijf te Kirman is altijd zeer aangenaam geweest; nergens ter +wereld zouden wij met meer achting behandeld hebben kunnen worden, en +naar mijne meening zijn de beleedigingen, die Europeanen zoo dikwijls +den Perzen naar het hoofd slingeren, volkomen onverdiend. De Perzen +zijn over 't algemeen bijzonder beleefd en geestig, en hun vlugheid +van begrip en repartie zijn spreekwoordelijk. Ze zijn als Franschen +door hun beleefdheid en hun zin voor complimentjes, en als Engelschen +in zoo ver zij het 't beste gebruik van geld achten, als ze het aan +voedsel en aan kleêren besteden. + +De opvoeding der jeugd is tot hiertoe schandelijk verwaarloosd; maar +men kan tegenwoordig daaromtrent een heilzame ontevredenheid opmerken, +waardoor men later aan de kinderen nog wat anders zal onderwijzen +dan spreuken uit den Koran, die, daar ze in 't arabisch vervat +zijn, niet eens door hen begrepen worden. Thans is de positie van +een schoolmeester er even slecht als in het Engeland der 17de eeuw, +en de betaling gelijkt op die van een huisbediende. Het is dus niet +verwonderlijk, als men meesters ontmoet, die leeren, dat Londen de +naam is van een land, waarvan een der steden de Atlantische Oceaan is! + +In Juni begonnen de nachten warm te worden, en mijn zuster leed veel +onder de aanvallen der muskieten. Dus besloten wij van verblijfplaats +te veranderen. Men had ons een koeler streek aangeraden. Daar ik er +zeer op gesteld was, den weg van Marco Polo terug te vinden, besloten +wij, ons eerst naar Koeh-i-Hazar te begeven of den "berg der tulpen", +daarna Sardoe een bezoek te brengen, waar ik zeker was, dat de groote +Venetiaan vertoefd had. + +In vier étapes waren wij aan het dorp Hazar gekomen, en wij kampeerden +middenin de bergen op een hoogte van 3300 M. Ik kon er heerlijk jagen; +de bergstreek was bewaard gebleven voor den gouverneur-generaal, +en er was in verscheiden jaren geen jachtgeweer afgeschoten. + +Op een dag volbrachten wij met mijn zuster de bestijging van den +berg met den langen oosterschen naam die "Heiligenberg" beduidt. Het +was de tweede in hoogte van de toppen van Zuidoostelijk Perzië, 4180 +M. hoog. Op den top was een kapelletje, waarin een collectie munten +werd bewaard, waaronder één met het beeld van koningin Victoria en +het jaartal 1837. + +De lucht was volkomen helder, en het panorama verrukkelijk mooi. In +het Noorden zagen wij de hoekige keten, aan welker voet Kirman ligt; +in het Oosten de reusachtige Koeh-i-Hazar, die hooger is dan 4000 +M. Het is een prachtige berg, op den weg naar Beloetsjistan op meer +dan 100 mijlen afstands zichtbaar en in staat om de oogen van meer +dan één Kermani van trots te doen stralen. In het Zuiden liggen Sardoe +en de reeks groote ketenen, die onder verschillende namen het plateau +van Iran dragen. Bijna naar elke richting van den horizon hadden wij +een inderdaad nooit door Europeanen betreden land voor ons; op de +kaarten zijn enkel hoofdwegen aangegeven, en aan beide kanten ervan +heeft men op korten afstand totaal onbekende streken. + +Van daar gingen wij naar het plateau van Sardoe. Te Rahboer brachten +wij een bezoek aan den gouverneur, en we ontmoetten ten zijnent +een grijsaard van den stam der Mehni, die beweerde 125 jaar oud +te wezen. Zijn gelaat had de kleur van was; zijn haren geleken +zilverdraad. + +Bij het verlaten van Rahboer hielden wij bij benadering een oostelijke +richting en gingen over verschillende armen der Halil Roed, waarvan +één vrijwat dieper was, dan wij hadden gewenscht. Des nachts hielden we +stil bij een tuin, waaromheen een vijftigtal gezinnen kampeerden. Het +was de maand Moharram, en uren aaneen moesten wij het klaaglied uit +de Lijdensweek aanhooren. Toch kwam er tot onze groote voldoening een +eind aan, en het had wel iets van een grappige vertooning, toen wij de +opvoeringen overal weer aantroffen. Dit was eigenlijk de eenige maal, +dat ik in Perzië iets anders dan echte vroomheid bij de godsdienstige +plechtigheden zag; maar de nomaden zijn over 't algemeen minder stipt +in de opvolging der voorschriften van den godsdienst dan de menschen +met vaste woonplaatsen. + +De volgende dagreis voerde ons door het vruchtbare district Herza, +waar de vele boomen een aangename tegenstelling vormden met de gewone +kaalheid der velden. Over een pas van 2700 M. gaande, bereikten +wij geleidelijk door golvende tarwevelden Dar-i-Mazar, hoofdstad +van Sardoe. Men ziet er een goed onderhouden heiligdom ter eere +van sultan Sejid-Ahmad-Saghis, die van den imam Moesa afstamt. Het +omringende terrein is eigendom van het heilige gebouw, en boeren, die +zich sjeiks noemen, zijn zoo goed als de eenige vaste bewoners van het +district, daar de nomaden, ten getale van vierhonderd gezinnen ruim, +in deze streken slechts de weinige zomermaanden doorbrengen. Rondom +het heiligdom ziet men een twaalftal winkels, en een badhuis is er +onlangs verrezen. Eenige Kermani waren er van het heerlijk koele +klimaat komen genieten. + +Wij kampeerden verderop bij den pas van Sarbizan, waar men de ruïnen +van een karavanseraï vindt, gebouwd door den zevenden Seldsjukkensultan +Malik Mohammed. Het was er best jagen, en wij zouden er wel een +maand hebben willen blijven. Maar de Sahib Dwan was teruggeroepen, +en zijn opvolger werd plechtig geïnstalleerd, en dus moesten wij te +Kirman terugkeeren vóór de aankomst van Zijne Hoogheid. + +Een weinig vóór Kerstmis 1895 kwamen twee Duitschers, die gewed hadden +een reis om de wereld te doen en daarbij hun eigen kost te verdienen, +te Kirman aan. Het zou voor onze kolonie een slechten indruk hebben +gemaakt, dat Europeanen bedelden, dus achtte ik mij verplicht den +reizigers zooveel mogelijk hulp te bieden. Maar ik kan niet zeggen, +dat het mij gespeten heeft te hebben vernomen, dat hun onderneming +ten slotte mislukt was; zulke zonderlinge, excentrieke menschen doen +niets dan kwaad, vooral in het Oosten. De inlichtingen, die zij geven, +hebben meestal geen waarde en kunnen gevaarlijk worden. Bovendien is +er geen enkele oosterling, die geen minderwaardige voorstelling van +Europeanen krijgt, als hij er ziet, die zonder bedienden reizen en +in de eerste de beste plaats hun logies goed genoeg vinden. + + + +III + + In Beloetsjistan.--Makran, geschiedenis en aardrijkskunde + van de streek.--Sachad. + + +Op zijn eerste reis in 1893 vertrok majoor Sykes van Kirman, om zich +naar Boesjir te begeven aan de Perzische Golf. Van daar volgde hij +de kust tot Karatsji, welken post hij verliet, om zijn tweede reis te +ondernemen. Toen werd hij vergezeld door majoor Brazier Creagh van den +gezondheidsdienst bij 't leger, door sultan Soekhroe, officier van +een cavalerie-regiment uit Pendsjab, door twee sowars van het corps +gidsen en door twee hindoesche bedienden. Hij vertelt het volgende +van die tweede reis. + +Uit Karatsji vertrokken, was onze eerste tocht naar Gwadoer, een +bezitting van den sultan van Mascate, waar zich veel ontvluchte +perzische slaven ophouden. Den volgenden dag voer onze stoomboot +bij mooi, stil weêr de baai van Sjahbar binnen, de veiligste en best +toegankelijke haven aan de kust. Voor den zuidwestmoesson is men er +beschut door het land van Oman, waar zich het lange voorgebergte Ras +Koelab uitstrekt, terwijl in het westen een lange klip een natuurlijken +golfbreker vormt. Maar bij de breedte van twaalf KM. en de diepte +van wel twintig KM. is het toch nog geen volkomen veilige ankerplaats. + +Onze ontscheping ging niet zonder moeite door middel van een inlandsche +boot of _baggala_. Toen we aan land waren, brachten we al onze +_impedimenta_ naar 't naastbij zijnde postkantoor. + +Beloetsjistan is de gewoonlijk gebruikte naam van een uitgestrekt +gebied, dat maar dun bevolkt is en verdeeld is tusschen Engeland +en Perzië. De afgelegen provincie beantwoordt zoo ongeveer aan +de zeventiende satrapie van Darius, waarvan Herodotus gewaagt. De +groote koning vermeesterde Hapta Sindoe of Pendsjab, waarschijnlijk +langs den weg van Beloetsjistan, terwijl een vloot onder bevel van +den griekschen admiraal Scylax den Indus afzakte en, zonder zich om +de gevaren ter zee te bekommeren, de kusten van Gedrosië en Arabië +exploreerde. Die expeditie had plaats in 512 vóór Jezus Christus, +en in zekeren zin vermindert zij den roem van Alexander, die zeker +niet wist, dat de Grieken al in de zee van Erythrea hadden gevaren, +verondersteld, dat zij het hebben gedaan, wat niet bewezen is. + +In den tijd van Alexander was de Makrankust bekend als 't land +der Ichthyophagen, en het binnenland heette Gedrosië. Sir Thomas +Holdich ziet in het woord Makran een samentrekking van de beide +perzische woorden _Mahi_ en _Khoeran_, vischeters of ichtyophagen +beteekenend. Maar ik geloof, dat het woord veel ouder is en ik zou de +volgende etymologie voorslaan. De Assyriologen verschillen van meening +op het punt of de naam _Magan_ beteekent het Sinaï-schiereiland of de +kust van Arabië achter de Bahrein-eilanden met Oman er in begrepen; +in elk geval hebben wij het _Maka_ der opschriften, een vorm, die met +weinig verandering terug te vinden is in de Mykians of Mekians van +Herodotus. Nu was Makran in 't bijzonder bekend om zijn wortelboomen +of mangroven, want het land was gelijk aan de naburige kust, die men +de _Ran_ van Katsj noemt, een woord, dat afkomt van het Sanskriet +_aranya_ of _irina_ en dat een woestijn of een moeras beteekent. Is +het dus niet aan te nemen, dat de oorsprong van dit welbesproken woord +_Maka irina_ zal zijn, wat beteekent "de woestijn van Maka"? In Sind +is de uitspraak thans Makaran, juist de vorm, dien de beide woorden +vereenigd moesten aannemen. + +Uit natuurkundig oogpunt breidt Makran zich uit tot de eerste +belangrijke keten, die een waterscheiding is. Tot op een dertigtal +kilometers van de kust vindt men een zandige vlakte, waar verschillende +waterloopen door gaan en die op vele plaatsen met tamarinden is +begroeid. Behalve na den regen loopen die rivieren maar voor een deel +aan de oppervlakte van den grond. Haar loop wordt dan onderaardsch, +'t geen intusschen het voordeel heeft het water aan de verdamping +te onttrekken. Het district moest minder arm zijn dan het is, want +de grond is vruchtbaar en wordt voldoende besproeid, terwijl men er +uitstekende weiden voor kameelen vindt. Daarachter strekt zich een +reeks heuvels uit, laag en afgerond, die meer landwaarts in voor ruwe +kalksteenbergen plaats maken, de waterscheiding van Makran. + +Sir Thomas Holdich beschrijft het landschap Makran uitstekend in +zijn werk _The Indian Borderland_ aldus: "Een eentonige reeks van +ketenen, de eene achter de andere als de ribben van een walvisch, +zich verheffend boven lage slijkheuvels met hier en daar een zoutige +plas en, als eenig versiersel, wat tamarinden met neutrale tinten +en gele stengels van vergeten gras van 't vorig jaar, zoo zag het +landschap er uit, dat wij maar al te dikwijls onder de oogen hadden". + +De noordelijke hellingen van het kalkgebergte dalen af naar de +rivieren Bampoer en Mesjkil, die geen van beide de zee bereiken. In +het Noordwesten loopt de Loetwoestijn tot de rivier Bampoer, terwijl +in het Oosten van de Fahradsjvlakte de perzische bergketenen, die +van het Noordwesten naar 't Zuidwesten liepen, eene oost-westelijke +richting nemen, die zoo karakteristiek is in Zuid-Beloetsjistan en +die voor een deel den achterlijken toestand van die streek verklaart +door van de kust den toegang erheen zeer moeilijk maken. Meer naar +het Noorden eindelijk ligt het district Sarhad, waar twee naar het +Noordwesten gerichte evenwijdige ketenen deze hooge streek afscheiden +van de Loetwoestijn in 't Westen en van de eveneens lage Kharanwoestijn +in het Oosten. + +Het centrale gedeelte van Beloetsjistan is zeer bergachtig; maar er +zijn geen maatregelen genomen, om van den aanwezigen watervoorraad +partij te trekken, en het land bestaat uit niet veel anders dan magere +weiden. De rivier, de Bampoer, zou tegen een geringe uitgaaf voor +irrigatiewerken met gemak een aanzienlijk aantal inwoners kunnen +voeden. + +Sarhad, dat enkele jaren geleden nog een echt rooversnest was en nu +nog niet veel beters is geworden, heeft veel latente hulpmiddelen op +zijn hooge vlakten, die tot Koeh-i-Taftan loopen. Toch is het district +bijna niet bevolkt, ofschoon het graven van _kanats_ reeds eenige +resultaten heeft gehad en men in het land veel overblijfselen vindt +van vroegere cultures. De opening van de spoorlijn van Quettah naar +Seïstan zal wel haar werking uitoefenen, langzaam maar zeker. De +Engelsche regeering kan niet meer zooals vroeger onverschillig +blijven voor de razzia's. Buitendien begint Perzië zelf er ook de +orde te herstellen, en de razzia's zijn al niet meer, wat ze vroeger +waren, toen de Beloetsjen allen doodden, die zij gevangen namen of +bij uitzondering hen hielden als slaven en hen verminkten, om hen de +lust te benemen, naar hun vroegere woonplaats terug te keeren. + +Wij weten niets zekers omtrent den oorsprong der Beloetsjen, want zij +hebben geen oude boeken, zijn zeer onwetend en zijn daar trotsch op, +zooals de baronnen uit de Middeleeuwen het waren. Sir Henry Pottinger +schrijft hun een turkmeensche afkomst toe; maar volgens professor +Rawlinson is het woord Beloetsje afgeleid van den naam Belus, dien +van een koning van Babylonië, dien men beschouwt als den Nimrod, +zoon van den Koesj uit de Schrift. Het woord _koesj_ komt ook wel +onder den vorm _koessoen_ voor. In Sjah Nameh van Firdoesi worden de +Beloetsjen genoemd als een stam, in Ghilan gevestigd onder de regeering +van Nosjirwan. Van daar zijn ze geëmigreerd naar Beloetsjistan door +Seïstan. Zeer waarschijnlijk zijn ze van arische afkomst; maar het ras +is veranderd door kruising met arabische immigranten, vluchtelingen +voor de vervolgingen, die na Hussein's dood plaats hadden. De hoofden +beweren, dat zij van arabische voorouders afstammen, en zij maken ook +den indruk te behooren tot een menschensoort, verschillend van die +der boeren. De Brahoeïs, die er dan nog zijn, hebben een eigen type; +ze zijn klein en hebben een rood gelaat, terwijl de Beloetsjen lang +en slank zijn met een langen vorm van hoofd. Die Brahoeïs spreken een +taal aan het Tamoel verwant en moeten van dravictischen oorsprong zijn. + +Het is belangrijk op te merken, dat verscheiden duizenden Beloetsjen +wonen buiten Beloetsjistan, men treft ze veel aan in de grensprovincies +van Indië. + +De eenige voorislamietische ruïnen, die ik ontmoet heb, zijn de +_Gorbasta_, dikwijls vergeleken bij de Cyclopenmuren van de Grieken. Ze +zijn gewoonlijk gebouwd bij den uitgang van een pas en dikwijls moesten +zij stuwen zijn voor het water, dat ter irrigatie dient. In sommige +gevallen vindt men ze op hellingen, en in vorstelijk Beloetsjistan +schijnt een talrijke bevolking voor haar levensonderhoud afhankelijk +te zijn geweest van deze dammen. + +Maar kolonel Mockler heeft, toen hij een zestigtal kilometers ten +noordwesten van Gwadoer reisde, enkele oude steenen gebouwen opgegraven +en heeft ook steenen stuwwerken gevonden. Hij heeft mede beenderen +ontdekt en aardewerk en steenen messen. In andere gedeelten van Makran +heeft hij steenen graven gevonden, maar hij trekt geen enkel besluit +uit die ontdekkingen, evenmin als uit de opgravingen, door hem verricht +te Bahrein, waar ook gemetselde graven aan het licht zijn gekomen. + +Beloetsjistan was schatplichtig aan het oude perzische rijk. Het is +zeker, dat Alexander de Groote het van het Oosten naar het Westen +doortrok, maar daarna heeft men het eenige honderdtallen van jaren +uit het oog verloren. Er is eerst weer sprake van, als men onder de +regeering van Nosjirwan besluit, de Beloetsjen voor hun strooptochten +te straffen en er groote moordpartijen aanrichtte. Zij hielden zich +toen rustig, ten minste gedurende één geslacht, hernamen daarna echter +weer hun roofzuchtige gewoonten, en hun onafhankelijkheid is nooit +duurzaam bedreigd geworden. + +Toen de Mohammedanen kwamen opdagen, werd de provincie Kirman veroverd +in de eerste jaren na de Hedsjra, en Beloetsjistan trof weldra +hetzelfde lot. Maar het is twijfelachtig, dat het land permanent +door de Muzelmannen bestuurd is, vóór het veroverd werd door Yakoeb +bin Lais van de Saffaren-dynastie. Deze regeerde over een rijk, dat +zich uitstrekte van den Indus tot den Sjat el Arab, maar de voorspoed +duurde niet lang, want zijn broeder Amz werd gevangen genomen door +Ismaël van het geslacht der Samaniden en te Bagdad ter dood gebracht. + +Intusschen bleven de Saffaren nog verscheiden eeuwen in het bezit van +Beloetsjistan, en zij vormden in den loop der tijden een vereeniging +van opperhoofden. Verschillende arabische reizigers, Masoedi, Istakhri +en Ibn Hankal bij voorbeeld, hebbens ons Makran in dien tijd als een +bloeiend land geschilderd. + +Ten tijde van den inval der Mongolen kwam Djelaleddin van Kheiva uit +Indië naar Makran, om zich met de overweldigers te meten, en in 1223 +zond Gengis-Khan, toen hij Herat had verwoest, Dehagataï erheen, om +Makran te verwoesten, ten einde de verbindingslijnen met Djelaleddin +af te snijden. + +Op het einde van de 13de eeuw voer Marco Polo op zijn terugweg van +China langs Makran; maar het is niet zeer waarschijnlijk, dat de +groote Venetiaan op eenige plaats de kust heeft aangedaan. + +In 1839 spreekt een intelligent reiziger Hadji Abdoel Nali van de +verschillende beloetsjistansche hoofden, die razzia's houden in Perzië +en lachen om de bedreigingen van den gouverneur-generaal van Kirman. + +Maar sedert 1844 begint Beloetsjistan zijn vrijheid te verliezen. Twee +leden van den stam der Kadjaren werden aangewezen, om het woelige +district te besturen, maar zij slaagden niet in hun pogen, en het +was de verdienste van Ibrahim Khan, de verovering te voltooien van +wat tegenwoordig perzisch Beloetsjistan is. Hij wordt van wreedheid +beschuldigd, en hij had inderdaad een zekere neiging om de slaven te +exploiteeren; maar men moet rekening houden met alle geschenken, die +van hem gevorderd werden en alle geldsommen, die hij moest opbrengen. + +Ibrahim Khan ontving de grensregelingscommissie onder bevel van +Sir Frederick Goldsmith niet al te vriendelijk, en pas was de +commissie, die de perzisch-beloetsjistansche grens geregeld had, +vertrokken, of hij maakte zich van Koehak meester, dat niet aan hem +was toegewezen. Hij stierf in 1884, na dertig jaren in dezen hoek +van Perzië het bestuur te hebben gevoerd. Zijn zoon stierf eenige +maanden na hem, en zijn schoonzoon werd gouverneur, maar werd in 1887 +vervangen door een Turk, Aboel Fath Khan, om echter weldra weer tot +gouverneur te worden uitgeroepen. Deze Zein ul Abidin Khan regeerde, +toen ik er in 1893 kwam, en hij had later twee opstanden der Beloetsjen +te onderdrukken, één na den moord op den Sjah in 1896, en den anderen +in het daarna volgende jaar. + +Tegenwoordig, nu de britsche regeering den verkoop van geweren +verboden heeft, is Beloetsjistan afhankelijker dan ooit; maar het +vooruitzicht is niet schitterend. De luiheid en onverschilligheid +van dit volk zijn zoodanig, dat ik meen te kunnen voorspellen, dat +binnen honderd jaar na dezen hun leven niet meer dan thans van dat +der patriarchen zal verschillen. + +Voor onze reis waren, dank zij den heer Lovell, de kameelen +gereed. Maar de Beloetsjen hadden geen touwen, en buitendien bleek +het uiterst moeilijk, de lasten te verdeelen. Zij beklaagden +zich buitendien over de zwaarte der vrachten, die een perzisch +muilezeldrijver licht zou hebben gevonden. Wij deden hierbij de +belangwekkende waarneming, dat ieder kameel een eigenaar had, en dat +er soms een viertal aanspraak maakte op hetzelfde dier. + +Wij besloten eindelijk onszelven met de verdeeling der vrachten te +belasten, en wij vertrokken laat in den namiddag, om tot Tiz te gaan +op twaalf kilometer afstands. Eerst gingen wij door het dorp Sjahbar, +waar veel hindoesche kooplieden woonden en waar alles vuil en leelijk +was, behalve de enkele boomen, die er stonden; vervolgens bestegen +wij geleidelijk het rotsachtige gebergte, dat het dorp scheidt van +Tiz. Die laatste plaats is veel beter gelegen dan Sjahbar, daar zij +zich bevindt aan den uitgang van den hoofdweg naar het binnenland +over Kasakand, die volkomen den weg langs de kust beheerscht, welke +oostwaarts in zigzag van het gebergte daalt en naar het Westen door +een opening tusschen de rotsen de zee bereikt. + +Het was te laat, om de ruïnen te gaan zien, die trouwens nu uit niet +anders bestaan dan een duizendtal graven. Wij hadden nog juist den +tijd een blik te slaan op het oude perzische fort, twintig jaar geleden +gebouwd, om Sjahbar, door de Perzen veroverd op een arabischen sjeik, +te beschermen; kort daarna werd het reeds door het garnizoen verlaten. + +In 1188 van onze jaartelling was Tiz blijkbaar een groote haven; de +karavanen, die van het Westen kwamen, volgden dien weg, toen tengevolge +van plaatselijke troebelen de haven van Ormoezd geblokkeerd was. Hun +weg leidde blijkbaar van Irak naar Kirman en van daar naar Bampoer, +Kasakand en Tiz; de andere weg, die mogelijk was, namelijk over +Geh bood teveel moeilijkheden voor de karavanen. De belangrijkheid +van Tiz lag ook hierin, dat de plaats het middelpunt was van den +suikerhandel in Makran en misschien de uitvoerplaats van het graan +uit Seïstan; stellig was het de zetel der kooplieden, die niet tot +Ormoezd wilden gaan. + +Daar wij ons kamp hadden moeten opslaan in een nauw dal, waar +alleen wat water was in een paar vuile poelen, vertrokken wij +den volgenden dag in gloeiende hitte en richtten ons naar Parag, +een vuil dorpje. Daar wendden we onzen rug naar de zee en naar de +telegraaflijn, die dicht langs het strand loopt en veel van vocht +te lijden heeft. Daar onze paarden vermoeid waren door hun reis per +spoor en per boot, rustten wij eenigen tijd uit in de schaduw der +tamarinden, en wij zetten onze reis eerst voort in den koelen avond, +waarbij we over een lavavlakte gingen, waar enkele magere katoenvelden +te zien waren. + +Ons kamp voor dien dag werd opgeslagen in het gehuchtje +Noer-Moehamedi. Den volgenden dag dwongen onze Beloetsjen onder +voorwendsel, dat hun kameelen, die 's avonds laat waren aangekomen, +rust behoefden, om stil te houden. + +Een nieuwe marsch van 25 KM. bracht ons te Pich-Mant, welke naam +beduidt "plaats van den dwergpalm". De bladeren van dien daar veel +voorkomenden boom worden voor verschillende doeleinden gebruikt; men +maakt er sandalen van, matwerk en manden, daken, touwen enz. "en", zegt +de schrijver van _Eastern Persia_, "ook mutsen, sabelscheeden, zweepen +enz. De gedroogde bessen dienen voor het maken van rozenkransen; +de jonge spruiten worden gegeten, en de wortels zijn een uitstekende +brandstof, wat een groot voordeel is in het aan hout zoo arme land". + +Toen wij de vlakte achter ons lieten, kwamen wij in een steenachtig +dal en van daar over een lagen pas op een plateau. Dien dag streek +een zwerm horzels op ons ontbijt neer en at het voor ons op. + +De volgende dag bracht ons tot Ziarat, een gelukkig oord, omdat wij +er stroomend water vonden, waar onze paarden zich heerlijk aan te +goed deden. + +De eenige Europeaan, die vóór ons in deze streek is geweest, is +kapitein Grant, een van de wetenschappelijke onderzoekers, op aandrang +van Sir John Malcolm naar Perzië gezonden in het eerste tiental jaren +van de 19_de_ eeuw. Zijn mededeelingen beteekenen niet veel. + +Te Ziarat hadden wij de noordgrens bereikt van het kustdistrict, +waarvan de versterking, naar ons gezegd werd, voor ongeveer 5000 +francs per jaar is toegezegd. Het water der rivier, die een paar +mijlen geheel verdwenen was, kwam wat hoogerop weer te voorschijn, en +wij gingen door een reeks kleine gehuchtjes en dadelboschjes, om ten +slotte te Nokinja stil te houden, waar wij ons bundels groene rijst +konden aanschaffen voor de paarden en eieren en melk voor onszelven. + +Wij waren nu eindelijk buiten het gebied van de afgeronde heuvels, +en de bergketens, waardoor onze weg leidde, eindigden in spitse +kapen boven de bedding der rivier. Onmiddellijk boven Nokinja volgt +de samenvloeiing met de Sirha. Hooger nog was het ons een genoegen, +Geh te bereiken, de hoofdplaats van het district. Ik heb honderden +beloetsjische dorpen gezien, maar Geh, het _Bih_ van den reiziger +uit Arabië, blijft in mijn herinnering gegrift als het mooiste. Een +prachtig boschje van dadelpalmen verrijst bij de bron van twee +rivieren, de Gung en de Kisji; een oud schilderachtig fort staat op +een rots, en alleenstaande, kale heuvels in den omtrek verhoogen den +indruk, dien de frischgroene rijstvelden maken. + +Het dorp ligt ongeveer 450 M. hoog. Hoewel wij op het einde van +October waren, wees de thermometer 's middags bij de 38° C. + +Geh met Kasakand ten oosten en Bint ten westen vormen de drie steden +van perzisch Makran, waar de reiziger aankomt, als hij van de kust het +land in gaat. Ze moeten alle drie hetzelfde aantal inwoners hebben, +dat de twee duizend niet te boven gaat, naar het ons scheen. + +Wij kregen een bezoek van Sjakar Khan, oudsten broeder van Sardar +Hussein Khan, die den ouden staat van zaken in de provincie +vertegenwoordigt en zich Beloetsjistan herinnert op den tijd, toen +het onafhankelijk was van Perzië; natuurlijk keurt hij de opgetreden +verandering af. Enkele inwoners spraken het Hindostansch, en wij +hoorden, dat zij een weinig handel dreven met de kust. Visch was een +der handelsartikelen; zij wordt nog verkocht, als ze reeds vrij oud is +geworden. De toestand der bevolking was er treurig, want de gouverneur, +die niet als in Perzië wordt in bedwang gehouden door de openbare +meening, noch de telegraaf heeft te vreezen, onderdrukte de menschen, +en veel inwoners verhuisden naar Karatsji, Maskate of Zanzibar. + +Wij vertrokken, na onze kameelen te hebben weggezonden en eenige +gidsen uit Lasjar te hebben gehuurd, de sterkste en beste geleiders +voor reizen in het bergland. Wij moesten nu door het nog onbekende +district, dat ons van Fanoch scheidde. Wij volgden de steenachtige +bedding van de Gung stroomop en kwamen daarna in het gebied van de +Sirha, op welker beide oevers veel dorpen liggen. Wij hielden stil +te Maloeran aan een zijtak van de Rapsj. De bewoners, die blijkbaar +nooit van Europeanen hadden hooren spreken, keken ons achterdochtig +aan. Toen zij binnen het bereik van onze stem waren, beproefden wij +het middel, dat ons gewoonlijk gelukte en dat bestond in het geven +van een roepij aan een man, om hem te toonen, dat wij wenschten te +betalen voor wat wij zouden noodig hebben. + +Dezen keer gelukte het niet. Een levendig gesprek begon; ik trachtte +van mijn kant duidelijk te maken, dat wij zouden betalen en dat wij hun +vrienden waren; maar het hoofd der bende, een schelm met een bijzonder +ongunstig uiterlijk, bleef bij zijn weigering. Ten slotte vloog een +der onzen op hem af en duwde hem in de rivier, waaruit de schurk +weer opdook met den mond vol slijk. Maar dadelijk daarna arriveerden +de gevraagde levensmiddelen. Men kan de tegenwerping maken, dat wij +geen recht hadden, tot geweld onze toevlucht te nemen; maar ik zou +mijn bedillers wel eens in een dergelijk geval geplaatst willen zien +en zou dan eens kijken, hoe zij te werk gingen. Bij slot van rekening +werden de menschen uit Maloeran onze beste vrienden en wij brachten een +geheelen dag onder hen door. Wij merkten de eigenaardige bijzonderheid +op, dat zij konden fluiten, een talent, dat in het Oosten zeldzaam is, +waar fluiten gemeenlijk voor een "taal des duivels" doorgaat. + +Een moeilijke tocht was het naar de rivier Fanoch of Rapsj. In de +plaats van dien naam werden wij zeer vriendschappelijk ontvangen; +de zoons van Sjakar Khan waren er gouverneurs, en zij toonden zich +bijzonder geïnteresseerd bij het zien van onze geweren. + +Begeerig, om het onbekende land in het Westen althans eenigszins te +leeren kennen, beklommen wij den Koeh-i-Fanoch, een lastige bestijging, +die vier uren duurde. De laatste 150 M. worden gevormd door een rots +van witten kalksteen, die bijna loodrecht is. Van den top konden +wij met gemak de vijf afzonderlijke stroomen volgen, die te zamen +de Fanoch vormen. Het was een prachtig panorama, en het gaf ons, +wat wij zoo vurig verlangden, een denkbeeld van de formatie van het +land. Naar het Westen werd het uitzicht voor een gedeelte beperkt +door hooge bergen; maar naar het Noorden zagen wij den prachtigen +Koeh-i-Bogman, die eenzaam tot 2700 M. boven de vlakte oprijst. Naar +het Oosten breiden zich het Azabadbergland uit en het district Lasjar. + +Fanoch, waar wij een dag bleven rusten, om over onze vermoeienis heen +te komen, ziet er veel welvarender uit dan Geh, en verscheiden huizen +waren er van steen gebouwd. Er is een fort, dat zeer oud schijnt te +zijn; maar zooals gewoonlijk in Beloetsjistan konden wij volstrekt +geen inlichtingen krijgen over de geschiedenis van het gebouw. + +Er waren in Fanoch schapen en gevogelte, eieren, melk, gerst, rijst +en tarwe in overvloed, en de dadels uit Beloetsjistan zijn beroemd; +maar het eenige industrie-artikel, dat er gemaakt wordt, zijn kleine, +met roode zijde geborduurde petten. Ik vroeg of Fanoch in Makran +lag. Er werd mij gezegd, dat de grens gevormd wordt door den kam van +den Band-i-Linag, ten noorden waarvan zich de stad bevindt; Basjkird +ten westen ervan wordt niet meer beschouwd als tot Beloetsjistan +te behooren. + +Wij keerden terug langs denzelfden weg, dien wij gekomen waren, maar +voorbij Sartab sloegen wij een meer noordelijke richting in naar Tehan, +een welvarend dorp van wel duizend inwoners. + +Te Geh terug zijnde, vonden we ons reisgezelschap goed uitgerust, +en toen wij twee dagen na onze terugkomst ons gereed maakten om naar +Fahradsj te vertrekken, werden wij aangenaam verrast door de aankomst +van twee Beloetsjen, die de gouverneur van perzisch Beloetsjistan +gezonden had, om ons tot gidsen te dienen, Mir khan Mohammed en +Moellah Basjan. + +Eerst volgden wij een zijtak van de Sirha en daarna bereikten we den +hoofdstroom, aan welks oevers een weinig aan landbouw werd gedaan. Wij +kampeerden in de bedding zelve der rivier, en den volgenden dag hadden +wij den ellendigsten weg, dien ik ooit heb gezien. Een mijl stroomop +wordt het rivierdal nauwer, tot het niet veel meer dan 30 M. breed is +en wij kwamen bij rotsachtige trappen, waar de rivier in een waterval +bij neer viel. Iets verder weer een ander pretje, namelijk in de +bedding blokken rots van allerlei afmeting, van de grootte van een +omnibus tot die van een voetbal. Toen eindelijk verscheen een diepe +plas, die de gansche breedte van het dal vulde. Daarlangs liep een +smal pad, als voor geiten gemaakt, waar het ons onmogelijk leek voor +onze beladen beesten om zich op voort te bewegen. Maar tot mijn groote +verbazing liep alles zonder ongelukken af. + +Onze paarden waren doodop, toen we bij de bron van de rivier +kwamen, in het dadelbosch van de Sirha, een groot, maar geheel +verwaarloosd terrein. Wij kampeerden ter hoogte van 990 M., en dit +was de eerste dag, waarop wij een temperatuur hadden van onder de 30° +C. Den volgenden dag was het ook betrekkelijk koel; wij stegen tot de +waterscheiding in Makran, op ongeveer 1100 M., en van daar begonnen we +te dalen rondom de hellingen van de groote massa van den Azbag, dien +wij gezien hadden vanaf den top Koeh-i-Fanoch. 's Avonds kampeerden +wij te Pip, de hoofdstad van Lasjar. + +De gouverneur kwam ons begroeten. Hij was eerst zeer beschroomd. Zijn +gezicht klaarde echter op, toen wij hem naar de geschiedenis van +zijn geslacht vroegen. Hij was een jongen van zestien jaar. Pip is +een dorp van tweehonderd huizen, die rondom een versterkte vesting +gegroepeerd staan, op een zekeren afstand van een mooi dadelbosch. In +Beloetsjistan zijn de dorpen altijd gebouwd op boomlooze terreinen, +waaromheen koren verbouwd wordt. De verandering van lucht, van de +droge warmte der woestijn naar de betrekkelijk koele vochtigheid +van het dadelbosch, was zeer aangenaam, maar misschien gevaarlijk +voor hen, die vatbaar zijn voor koorts. Maar als men uren aaneen in +den brandenden zonnegloed heeft gereden, is de schaduw zoo welkom, +dat wij altijd zoo dicht mogelijk bij boomen kampeerden, en voor zoo +ver ik weet, heeft niemand onzer er leed van ondervonden. + +Mijn reisgezel en ik waren van oordeel, dat de Lasjaren boven alle +andere Beloetsjen, die wij hadden ontmoet, uitmuntten. Physiek +waren het krachtige staaltjes van het menschenras en daarbij waren +ze altijd vroolijk en opgewekt, wat niet het geval is met de meeste +Beloetsjen, die begeerig en ijdel en niet zeer hulpvaardig zijn, en +daarbij stug en koppig als kameelen. Maar het is billijk er bij te +voegen, dat de Beloetsjen buitengewoon eerlijk zijn, en dat als men +hun brieven of dingen van waarde toevertrouwt, zij ze met gevaar van +eigen leven zullen verdedigen. Uit zedelijkheidsoogpunt staan ze ook +niet laag en hun vrouwen behandelen ze bijna als huns gelijken. Men +kan als voorbeeld van hun eerlijkheid het feit noemen, dat, om de +telegraafbeambten te betalen, men gewoon was een zak met roepijen +van den eenen post naar den anderen langs de lijn te verzenden, waar +ieder op zijn beurt zijn soldij uit nam. Een enkele maal maakte een +ambtenaar misbruik van dit vertrouwen, en hij moest zijn land verlaten, +wat voor een Beloetsje de zwaarste straf is. + +Na een dag van welverdiende rust daalden wij verder langs het +vruchtbare dal der Pip. Te Ispaka waren we aangekomen in het district +Fahradsj, en wij ontdekten de eerste vertegenwoordigers van het +perzische element, in de gedaante van twee of drie soldaten en een +sergeant. Daar de Beloetsjen nooit met andere Perzen in aanraking +komen, dan met menschen, die belasting komen innen, zijn de Perzen +er zeer gehaat. Ze worden Gagars genoemd, verbastering van Kadjaren, +de naam der regeerende dynastie. + +Den volgenden dag kwamen we op onzen tocht naar de rivier, de Bampoer, +in het dorp Kasimabad en daarna te Bampoer, het vroegere stadje, +dat de oude hoofdstad van Beloetsjistan is en waar nu niet meer dan +een paar honderd vuile hutten staan; een dadelbosch was er niet en +wij moesten kampeeren in een slordige omgeving, die oudtijds een tuin +zal zijn geweest. + +Zein ul Abidin Khan, de gouverneur, had mij geschreven, dat hij +mij te Fahradsj wachtte, dat op vier mijlen afstands lag en veel +belangrijker is, daar het ongeveer twee duizend zielen telt, het +garnizoen erin begrepen. Zein ul Abidin Khan ontving ons vrij koel; +onze belangstelling kwam hem blijkbaar wat verdacht voor, zooals zij +dat veel Oosterlingen doet, maar na enkele moeilijkheden werden wij +ten slotte goede vrienden. + +Ons doel was nu eerst het district Sarhad, waarvan nog zoo weinig +bekend is en waarheen wij den eersten December 1895 ons op weg +begaven. Een der eerste dagen, toen wij, na het dal der Konar +Rud te zijn doorgegaan, te Sonar waren, werden wij eenige dagen +opgehouden door een aanval van dysenterie van Brazier Creagh. Met +twee kameeldrijvers deed ik de volgende dagen de bestijging van +den Hamant, om het land te verkennen. Die berg is 2320 M. hoog, hij +is ten onrechte voor een vulkaan gehouden. De tocht was moeilijk, +vooral het dalen ging bezwaarlijk. Van den top hadden wij een ruim +uitzicht over het zuiderdistrict, dat een eentonig veld van lage +bergen geleek; maar in alle richtingen was het panorama prachtig, +al konden wij tot onze spijt den grooten vulkaan Sahrad niet zien. + +Twee dagen later overschreden wij op 1680 M. hoogte de waterscheiding +tusschen de Bampoer en de Mesjkil, en daalden af naar het dorp Magaz, +dat ongeveer 2000 inwoners telt en 't beste klimaat heeft van heel +Beloetsjistan. Den weg naar het Noorden inslaand, trof onze blik +den Koeh-i-Taftan, die op den afstand van honderd mijlen ongeveer, +waarop wij hem zagen, op een witten kegel geleek. + +Het district Sarhad deed zich het eerst aan ons voor van een pas, +van waar het ons voorkwam, niets dan kale bergen te bezitten, zonder +eenig dorp, zelfs zonder een tent van nomaden. Toch vonden wij er het +fort Kïvasj met een garnizoen van ongeveer 450 soldaten, infanterie +en cavalerie. Met enkele zwarte tenten was dat fort de hoofdstad van +het district. Landbouw werd er niet beoefend. + +De verwaarloozing van Sarhad is droevig, want het is de eenige streek +tusschen Quettah en Kirman, die koel mag worden genoemd. In vroegeren +tijd woonde er een dichtere bevolking, zooals ook uit de overblijfselen +van putten of kanats blijkt, en men mag de hoop koesteren, dat het land +later een belangrijke weg zal zijn tusschen Quettah en Zuid-Perzië. + +Van Kivasj uit wilde ik den Koeh-i-Taftan bestijgen, ofschoon de +gouverneur het mij afried. Twee dagen later echter kampeerden wij +op bijna 2000 M. hoogte in het kleine dorp Waradji, en den volgenden +dag klauterde ik tegen den top op, ongelukkig zonder Bazier Creagh, +die een zweer aan zijn voet had. De laatste uren der bestijging waren +lastig en onaangenaam. Eerst moest men over groote rotsblokken klimmen, +en daarna ging het door een dikke laag witte asch, die uit de verte aan +den berg het voorkomen had gegeven, alsof hij met eeuwige sneeuw bedekt +was. Wij bereikten den top eerst om twee uur in den namiddag, na acht +uren bijna aanhoudend te hebben geklommen. De Koeh-i-Taftan eindigt +in twee toppen, den noordelijken of hoogsten en den zuidelijken, +den vulkaan, dien wij wenschten te bezoeken. + +De krater, waaruit verblindende zuilen van zwavelachtigen damp +opstegen, heeft twee openingen, ieder ongeveer drie meter in omtrek +en van boven gescheiden door een afstand van één meter. Er was +geen enkele versche lavastroom te zien, en er wordt van geen enkele +uitbarsting melding gemaakt. Het gezicht, dat men van den top had, +was 't mooiste, dat ik ooit in Perzië heb gezien; alle bergtoppen +waren duidelijk zichtbaar. Zooveel ik heb kunnen nagaan, vereeren de +bewoners van het dal den vulkaan al sinds overoude tijden. + +Bij het dorp Bagman voegde zich onze colonne weer bij de bagage en +de reis door Sarhad leerde ons, dat het district water genoeg heeft, +om bij een goed bestuur een welvarend land te worden. + + + +IV + + Grensregeling tusschen Perzië en Beloetsjistan.--Van Kirman + naar de grensstad Koeak--De grensregelingscommissie.--Vraag + naar den voorrang.--Het werk der commissie.--Van Koeak + naar Kelat. + + +Ik was in Kirman in December 1895. Sinds eenige maanden hadden +onderhandelingen plaats met de perzische regeering ter zake van +de grenslijn tusschen Malik Sia en Koeak, die nog niet juist was +afgebakend, maar de winter was begonnen, zonder dat men tot een +beslissing was gekomen. Toen reisde in de laatste dagen van December +de perzische commissaris Ali Achraf Khan door Kirman, en enkele +dagen na zijn vertrek werd mij uit Teheran getelegrafeerd, dat ik +benoemd was tot de post van assistent-commissaris. Mijn zuster gaf +er de voorkeur aan, mijn reis, die vermoeiend en oncomfortabel was, +met mij mee te maken, liever dan de vriendelijke aanbieding van lady +Durand aan te nemen, bij haar te komen logeeren. + +De toebereidselen voor den tocht waren nog al omslachtig, het was +een lange reis en wij moesten vooraf zorgen, hier en daar proviand +te vinden en daarbij hulpkameelen, als de andere vermoeid waren; +onderzoeken, waar water te krijgen was enz. enz. Bovendien waren +onze bedienden niet ingenomen met het denkbeeld van de reis door +Beloetsjistan en moesten telkens aangemoedigd worden. + +Het was reeds zeer koud te Mahoen, onze pleisterplaats; te Hanaka, +waar de karavanseraï op een hoogte van bij de 2400 M. ligt, was +het werkelijk arctisch koud, maar te Rain, op de zuidelijke helling +van den Djoeparketen, werd het weêr gelukkig minder ijzig. Langs de +rivier, de Sandoe, ging het naar Abarik een moeilijk eindweegs door +het geaccidenteerde terrein. In de warmere streken gekomen, voelden +wij ons vermoeid en niet in staat tot eenige inspanning. Wij waren +in het district Fehroed, en Abarik en Fehroed zijn in Perzië berucht +om den hevigen wind die er veelal heerscht. In een gedicht heet het +dat, den wind wordt gevraagd, waar hij woont en dat hij antwoordt: +"Mijn armzalige woning is in Fehroed en ik bezoek dikwijls Abarik en +Sarbistan." Dit laatste dorp ligt aan den rechteroever van de rivier, +waar ik in 1894 bij hevigen storm kampeerde. + +Een nog al vervelende rit langs de droge rivierbedding bracht ons te +Darzin. Het dorp is bekend om zijn vroegeren rijkdom. In de 12de eeuw +zegt een schrijver: "Wij stonden op het dak van het paleis te Darzin, +en wij zagen een groot aantal dorpen, die bijna elkander raakten +en heerlijke geuren verspreidden. Zein ed Din maakte de opmerking, +dat Fars een groot en vruchtbaar land was en dat hij het geheel had +doorreisd, maar dat hij zweren kon in heel Fars niet zulk een mooi +plekje te hebben gezien." + +Helaas, hoe is alles veranderd! Darzin ligt in een ellendige +woestijn. Toch is er eenige vooruitgang, want een der oude kanats of +putten is hersteld, en daardoor zal het bebouwbare land toenemen. + +Te Bam vonden wij een onderkomen in een nieuw gebouwd huis, dat uitzag +op een schaduwrijken tuin vol palmen. Bam is al sinds de oudste tijden +in Perzië een beroemde stad; een mijl van het tegenwoordige fort, +liggen de ruïnen van de oude stad. Ten tijde van de verovering door de +Arabieren was de stad zeer belangrijk en hoofdplaats der provincie. Bam +is herhaaldelijk belegerd en de moderne stad dateert van den jongsten +tijd. Het is nu het middelpunt van een rijk district, ligt op een +hoogte van 1100 M, heeft een bevolking van 13.000 inwoners, een +vruchtbaren bodem en een klimaat, dat even gunstig is voor de cultuur +van palmboomen als voor die van de producten der hoogere streken. + +De zomerwarmte is er gematigd, want er waait dan een koele wind uit +het Noorden, en de belangrijkheid der stad wordt nog grooter door +het feit, dat zij in Oost-Perzië het laatste handelscentrum is vóór +Quettah. De bloei der plaats vloeit voort uit de productie van henneh, +want bijna de geheele opbrengst van die kostbare verfstof wordt in dat +district verkregen. De garnizoenen in Beloetsjistan bestaan gewoonlijk +uit soldaten uit die provincie, en de gouverneur is meestal een Bami. + +Een reiziger verhaalt, dat Bam op een indische stad gelijkt. Die +opmerking heb ik niet gemaakt. Misschien zag men er dertig jaar geleden +op het tijdstip van die reis nog geen palmen, en zoo zou dan die indruk +zijn te verklaren. Ingevolge een bijzondere uitnoodiging bezochten wij +het beroemde fort, en wij constateerden, dat de oude stad nog stond, +omgeven door een hoogen muur en een gracht. Boven was de woning +van den gouverneur. Men heeft er een prachtig uitzicht. Achter ons +werden onze blikken getrokken door den Koeh-i-Hazar met zijn mantel +van versch gevallen sneeuw, en aan beide kanten van het dal teekenden +de bergen zich scherp af op den turkooizen hemel. Boven ons wuifden +de bouquetten van de dadelpalmen van Bam, en wij konden de rivier +van dien naam naar het Noordoosten volgen. + +Vier mijlen van Bam verwijderd, bracht een steile daling ons tusschen +de gehuchten, die het dorp Bora samenstellen; er is een bevolking +van 5000 inwoners en het voert jaarlijks 120,000 pond henneh uit, +behalve granen en dadels. + +Te Vakilabad, waar wij aankwamen, na langs een mooi, beschaduwd +riviertje te zijn gegaan, hadden wij het district Narmasjir +bereikt. Met zijn sierlijke tamarinden en mimosa's schijnt het land +een losgeraakt stukje van Sind. Het is er veel warmer dan in Bam. Tot +in het midden der 19_de_ eeuw was het in 't bezit van de Afghanen, +en tegenwoordig begint het eerst weer een weinig vooruit te gaan. + +Ook verder bleef de streek goed besproeid, en er groeiden echte boomen, +tot we bij een reuzenuitgestrektheid jungle kwamen en van daar in +de woestijn, die weer door jungle gevolgd werd, te midden waarvan +het dorp Rigan is gelegen. Het lijkt nog al wat op de kaart, maar +het bestaat in werkelijkheid slechts uit een fort van gebakken leem, +waar een garnizoen ligt van tien soldaten, en uit eenige huizen voor +een bevolking van niet meer dan tweehonderd zielen. Te Rigan vonden +wij een wanhoopsboodschap van den perzischen commissaris, dien wij +bijna overvallen hadden, met verzoek onze komst uit te stellen. Wij +hielden met die smeekbede geen rekening. + +Tusschen ons en Bampoer strekken zich 250 K.M. van de Loetwoestijn +uit. Maar daar het de beide vorige dagen zwaar geregend had, konden +wij over meer en beter water beschikken dan meestal de reizigers kunnen +doen, en wij legden den weg in negen dagen, bijna zonder ophouden, af. + +Te Grazak, ongeveer op twee derden van den weg, verbaasde het ons, +eenige tenten van nomaden te zien en een boschje van palmen. Ten slotte +bereikten wij de rivier Bampoer bij Koesjgardan, waar ik reeds geweest +was. Daar ontmoetten wij eene afdeeling gewapende kameeldrijvers, en +ik heb zelden een woester en ongeregelder troep aanschouwd. Beschermd +door dat escorte en door onze cavalerie van kleine pony's, bereikten +wij Bampoer en van daar Fahradsj. + +Op die plaats werden wij met groote staatsie ontvangen; het garnizoen +stond langs den weg geschaard, en de muziek speelde het volkslied. De +commissaris kwam kort na ons aan. + +Wij huurden hier dertig beloetsjistansche kameelen, en kwamen overeen, +dat ik een dagreis vooruit zou gaan, om aan de grens tegenwoordig te +zijn, als de Perzen kwamen. De dagen begonnen zeer warm te worden. Te +Soran meldde een bericht van kolonel Holdich mij, dat zij Pandsjgoer +naderde, en dat hij de grens in het midden van Februari hoopte te +bereiken. + +Te Isfandak vonden wij een bekoorlijk bosch van dadelpalmen, een +rivier met kristalhelder water, maar geen bewoners. Het dorpshoofd +had zich niet op zijn gemak gevoeld bij het idee, den commissaris +te ontmoeten, want hij was in verschillende plunderingen en andere +wandaden betrokken geweest. Bij gevolg bivouakkeerden hij en zijn +dorpelingen nu in de bergen, afwachtend, wat er zou gebeuren, en +ongetwijfeld der Commissie de schuld gevend van hun ballingschap. + +Wij waren nu op den linkeroever van de rivier Mesjked of Mesjkil. Men +kan nog aan haar breede bedding en steile oevers zien, dat het vroeger +een groote waterloop geweest is, terwijl men nu, zelfs in den tijd van +hoog water, er gemakkelijk door kan waden. De wateren van de rivier +worden door de woestijn ingedronken, en ten oosten van Djalsk voeden +zij een gedeelte van de dadelboschjes. + +Wij waren slechts twee uren nog verwijderd van ons doel, toen een +boodschapper ons kwam berichten, dat de britsche commissie aangekomen +was, en weldra konden wij de hand van landgenooten drukken na een +reis van meer dan 1000 KM., voor 't meerendeel door woestijnen, met +zeer weinig comfort te onzer beschikking, hetgeen wel een heldenstuk +mag heeten voor een per karavaan reizende dame. + +Ik wil hier eenige bijzonderheden meedeelen over de grenscommissie, +die tusschen Perzië en Beloetsjistan werkte, of zooals zij wel genoemd +wordt, de perzisch-kelatsche commissie. + +Het is nu meer dan dertig jaar geleden, dat toen er sprake was van een +telegraaflijn van Britsch-Indië over land, Sir Frederick Goldsmith dat +afgelegen gebied bereisde, en het eindresultaat was toen, dat er een +grenslijn getraceerd werd van Koeak naar de zee. Koeak, dat toen als +een sterke vesting werd beschouwd, was te dien tijde onafhankelijk en +bleef dat ook. In het Noorden tot Seïstan was het land nog onbekend, +en men wist eigenlijk niet, aan wien het behoorde, zoodat men daar geen +moeite deed voor de vaststelling der grens. Perzië had toen het geluk, +er een uitmuntende gouverneur te hebben in den persoon van Ibrahim +Khan. Hij deed al wat hij kon, opdat men zich van de vaststelling +der grens zou onthouden; maar toen hij het niet kon verhinderen, +maakte hij zich van Koeak meester, zoodra de engelsche commissaris +vertrokken was. Die daad werd niet erkend door onzen minister van +Buitenlandsche Zaken; maar daar wij nog tien jaren lang geen notitie +namen van ons protectoraat over Kelat, bleef alles bij het oude. + +Maar toen wij troepen te Pandsjgoer hadden liggen, en de razzia's +ondragelijk werden, gaven wij Zijner Majesteit Nasr ed Din in +overweging, het nog onbepaalde gedeelte der grens definitief vast +te stellen, terwijl wij terzelfdertijd de quaestie van Koeak zouden +oplossen. Er had op die punten een drukke briefwisseling plaats; een +oogenblik dreigden de onderhandelingen te zullen worden afgebroken, +daar de shah er tegen opzag, zich de kosten te getroosten voor een +commissie, die niet ten doel had, zijn inkomsten te vergrooten, +toen plotseling Naoroz, khan van Kharan, de palmboschjes van Mesjkil +bezette. Dit nieuws bereikte Kirman, waarna de gouverneur mij een +officiëelen brief schreef, om mij te verzoeken, de indringers van +den perzischen bodem te verdrijven. In mijn antwoord deed ik hem +opmerken, dat dergelijke incidenten onvermijdelijk waren, zoolang de +grens niet vastgesteld was, en dat het mij onmogelijk was, in dien +tusschentijd handelend op te treden. Een copie van dien brief werd +door den gouverneur naar Teheran gezonden, en Zijne Majesteit kon zich +dus rekenschap geven van de gevaren zijner onverschilligheid. Toen +besloot de shah toe te geven en de commissie te benoemen, die op het +einde van Februari te Koeah bijeenkwam. + +Onze commissie was niet zeer talrijk; voorzitter was kolonel, thans +Sir Thomas Holdich, de commissieleden waren kapitein A.C. Kemball +en mijn persoon. Luitenant-kolonel R. Wahab leidde de topografische +expeditie, en luitenant C.V. Price voerde het bevel over het escorte, +dat uit twee compagnieën fuseliers en eenige sowars bestond. + +Wij waren te Koeak aangekomen vier dagen na de engelsche commissie +en het perzische commissielid kwam den volgenden dag, doch als wij +geen haast hadden gemaakt, zouden we ons werk niet voltooid hebben +in het koude seizoen. Zelfs op dat oogenblik was de zon om ruim tien +uur reeds te brandend heet, om niet gevaarlijk te zijn, en de tijd +van helderen hemel, zoo noodig voor topografische opnemingen, duurt +slechts tot einde Maart en wordt gevolgd door zes maanden nevel. + +Toen allen bijeen waren, deed zich de moeilijke vraag voor, wie het +eerste bezoek moest brengen. Onze meening was, dat omdat wij het +eerst waren aangekomen, het de Perzen waren; maar dezen, zich op +hun etiquette beroepend, hielden een redeneering in tegengestelden +zin. Kolonel Holdich, beweerden ze, was slechts een afgevaardigde +van den onderkoning van Indië, terwijl de perzische afgevaardigde +den koning der koningen zelven vertegenwoordigde. Het debat zou zich +dagen aaneen hebben kunnen voortzetten; het liep hierop uit, dat, +daar de perzische commissaris en de gouverneur van Beloetsjistan mij +te Kirman een bezoek hadden gebracht en te Fahradsj, zij niet konden +nalaten, nu hun opwachting bij mijn superieur te maken. + +Toen de Perzen kwamen, bewezen wij hun alle mogelijke eer. Maar wij +hadden samen slechts een zeer kort gesprek, wat voor een deel het +gevolg was van het feit, dat het Perzisch, 't welk in Indië wordt +gesproken en dat van Iran twee geheel verschillende talen zijn. Men +had in Indië niet genoeg met dat verschil rekening gehouden, zoodat +onze tolk, die voor zijn bemoeiïngen een zeer hoog salaris kreeg, +zelfs niet in staat was een brief te vertalen, en dat de geheele taak +der vertolking op mij neerkwam. + +Het uitgangspunt voor het werk der commissie lag aan de Mesjkil +tegenover Koeak; een kunstmatige heuvel werd op den linkeroever +opgericht, niet zonder eenigen tegenstand. Maar voor de plaatsing +van den tweeden grenspaal was langere discussie noodig. Als mijn +zuster den heuvel niet beklommen had, waar wij den hoop steenen +opstapelden, zou nooit de dikke gouverneur van Beloetsjistan in de +beklimming hebben toegestemd. Eenmaal boven, werd hij, na op adem te +zijn gekomen, weerspannig en verklaarde, dat wij hem een kostelijke en +vruchtbare provincie afnamen; feitelijk was het een lapje van twintig +aren. Het feit, dat de grenzen reeds zóó te Teheran waren getraceerd, +beteekende voor hem niets; wij lieten zijn vrienden hem kalmeeren. + +De onvermoeide kolonel Wahab verliet ons hier, om de Siaharketen te +bestijgen, en wij gaven hem het denkbeeld aan de hand, zich te doen +vergezellen door Soliman Mirza, vertegenwoordiger van den gouverneur +van Kirman. Deze stemde daar slechts noode in toe; maar hij besteeg +toch piek na piek met zijn engelschen collega, die een volleerd +bergbestijger was. + +De beide commissies begaven zich toen in twee étapes naar Isfandak +en van daar naar Djalsk over den Bonsazpas, aan welks begin +wij kampeerden. Daar deed zich een nieuw incident voor, want de +perzische commissaris had laten rondstrooien, dat een grenspaal ten +westen van den pas was geplaatst, hetgeen de gemoederen ten hoogste +verontrustte. Wij gingen ons overtuigen, dat het niets anders was dan +een paal voor de triangulatie, en wij drukten er onze spijt over uit, +dat men ons van zulk een daad verdacht had, waarover de Perzen zich +op hun beurt teleurgesteld toonden. + +De beide commissies waren uit de meest verschillende elementen +samengesteld, Engelschen, Perzen, Beloetsjen, soldaten der geregelde +en ongeregelde troepen. Wij hadden veel kameelen bij ons en ezels en +muildieren, alsook een kudde schapen en geiten. + +Wij bleven veertien dagen te Djalsk, gedurende welken tijd men de +grenspalen zette, die de palmboschjes van Mesjkil bij Kelat voegden, +zooals te Teheran was afgesproken. Het meer noordelijk gelegen +district was slechts woestijn, en kolonel Holdich stelde, om een +nieuwe wintercampagne te vermijden, voor, als grens de ketenen aan +te nemen, die naar 't Zuidoosten liepen van den Koeh-i-Malik-Sia af +en dan alleen een vliegende colonne uit te zenden voor de exploratie. + +Toen de Pers dat goed had gevonden, bleef er niet anders te doen dan +te beschikken over enkele niet belangrijke palmbosschen. Daar ik er +in 1893 in Sarhad over had hooren spreken en ik enkele aanteekeningen +over die quaestie had gemaakt, ging de zaak gemakkelijk. + +De oase van Djalsk is zeer groot, zij beslaat een tiental vierkante +kilometers. Men vindt er overal dadelpalmen, waaronder gerst en +tarwe en boonen groeien, en in de tuinen treft men granaatappelen, +vijgenboomen en wijnstokken aan. Een moerassige plas ligt midden in +de oase, die acht verspreid liggende dorpen telt. + +In de oase zijn een zeker aantal bouwwerken in het bezit van koepels; +zij bevatten de graven van een oud vorstengeslacht, dat over +Beloetsjistan heeft geregeerd. + +Op het perzische Nieuwjaar 21 Maart, even vóór wij uiteen zouden +gaan, onstonden nog weer quaesties over den voorrang tusschen den +gouverneur van Beloetsjistan en den vertegenwoordiger van den Shah, +maar door wat schikken en plooien liep alles goed af. + +Den volgenden dag vertrokken wij vroeg van Koeak na een +allerhartelijkst afscheid. Zoo eindigde het werk van de +perzisch-beloetsjistansche commissie. + +Wij moesten nu tot Quettah door Britsch Beloetsjistan reizen. Dat +land heeft nog geen historieschrijver gevonden tot heden, ofschoon het +materiaal voor zijn historie gereed ligt. Aardrijkskundig breidt het +westelijk deel zich als woestijn naar het Noorden uit tot de woestijn +Helmand en bestaat in het midden en het Zuiden uit lange, smalle dalen, +die met de grootste regelmaat van het Noordoosten naar het Zuidwesten +loopen. Meer oostwaarts komt men in de beloetsjistansche bergen, +takken van den machtigen Hindoekoesj en op die groote hoogvlakte +liggen Kelat en Quettah. Zooals men kan begrijpen, is het klimaat +van het westelijk deel des lands bijna gelijk aan dat van perzisch +Beloetsjistan, en men vindt te Pandsjgoer dadels, die tot de beste der +wereld behooren; maar tusschen Kelat en Quettah is de koude soms vrij +hevig, en ik herinner mij, dat de kolonel Wahab mij een plek wees, +waar zijn expeditie door een storm was overvallen. In de duisternis +hadden zij hun tenten geplaatst achter een heuvel, naar zij meenden, +en den volgenden dag bleek het, dat het een hoop ossen waren, die +door de vorst waren omgekomen. + +De bevolking van britsch Beloetsjistan is zeer gemengd, en zij is +nog in 't geheel niet gewend aan de beperkingen die het leven in de +beschaafde maatschappij meebrengt. Men vergeet echter wel eens, dat +de eerste vertegenwoordiger van Groot-Brittannië pas voor nog geen +twintig jaar te Pandsjgoer verscheen in den persoon van Sir Robert +Sandeman. Daar de Indische regeering niet graag noodeloos groote +uitgaven wilde doen, begon zij gedurende vele winters alleen een +officier op expeditie naar het land te zenden. De Beloetsjen wachtten +dan slechts op zijn vertrek, om hun onderlinge twisten te hervatten. + +In 1891 beval majoor Muir, die de rechtspraak in handen had, de +gevangenneming van Mir Sjahdad, een bekend roover. Deze verzette +zich met zijn aanhangers; een ongewapende bediende werd gedood, en de +majoor zelf ernstig gewond, terwijl Shahdad er in slaagde, zich uit de +voeten te maken. Toen hij daarna op de hoogte was gebracht van mijne +aanwezigheid te Kirman, gaf hij zich ten laatste over aan Kemball, +toen deze zijn reis ondernam in 1894 en 1895. Er werd toen een paar +jaar lang een klein garnizoen te Pandsjgoer onderhouden; maar dat +werd in 1896 ingetrokken, daar het land tot rust gebracht scheen. + +Eenige kilometers van Koeak verwijderd, werd de eentonigheid van de +reis op aangename wijze verbroken door de verschijning van twee beren, +de eerste, die ik in Beloetsjistan onder de oogen kreeg; zij joegen +Tumbull, die hen had ontmoet, op de vlucht. Wij gingen ze achtervolgen, +maar konden ze niet onder schot krijgen. Beren moeten er zeer zeldzaam +zijn, en ik heb buiten dezen eenen keer nog slechts een enkele maal +hun sporen gezien. + +Wij gingen over de Mesjkil, die ongeveer een voet diep was en +koffiekleurig water had en betraden toen het Raksjandal. Die rivier +is breed en ondiep, maar had ziltig water, dat ook de minst verwende +onzer soldaten ondrinkbaar vonden, en het speet ons zeer, dat wij +een vat bier aan onze perzische collega's hadden afgestaan en dat +ons meel beschimmeld en oneetbaar was. + +Wij stegen intusschen aanhoudend, zooals ook onze aneroïde barometers +aanwezen. De tochten waren uiterst eentonig; de eene dag volgde +den anderen, zonder dat men ergens een teeken van leven te zien +kreeg. Intusschen waagden wij ons aan gissingen omtrent de oorzaken, +die de bevolking uit het dal hadden doen vluchten. Wij zagen op +de terrasvormige hellingen hier en daar nog hoopen aardewerk +en gereedschap. Natuurlijk had de krijg velen verdreven; maar +buitendien had in dit district, zoowel als in de naburige provincies, +de vernieling der bosschen een vermindering in de hoeveelheid regen, +die er viel, teweeggebracht, had de bronnen doen opdrogen en had ten +laatste de bevolking op de vlucht gedreven. + +Toch kan men zich hier wel water verschaffen, en artesische +putten zouden zeker uitstekende diensten kunnen bewijzen; maar wat +mij vooral trof, was de geschiktheid van het land voor de teelt +van kameelen. Overal was de grond dicht bedekt met kreupelhout, +terwijl het klimaat deed denken aan dat van een groot deel van +Afghanistan. Kameelen, die daar werden grootgebracht, zouden zeker +den dienst over de grenzen kunnen waarnemen, wat niet het geval is +met de kameelen uit de vlakte. Zelfs in den jongsten afghaanschen +oorlog heeft, zegt men, de miskenning van deze waarheid den dood van +zes-en-dertig duizend kameelen veroorzaakt, en niet alleen bracht dat +verlies den geheelen transportdienst in de war, maar het veroorzaakte +ook veel ziekten. Het blijft in elk geval te betreuren, dat men geen +gebruik maakt van deze woeste streek, waar wij 320 K.M. ver geen +teeken van leven zagen. + +Te Nagha Kelat, waar wij twee dagen bleven, om onze kameelen te laten +uitrusten, maakten wij van het oponthoud gebruik, om de reusachtige +ruïnen, die er zich bevinden, te gaan zien; vooral die van groote +waterréservoirs of _gobasta's_ waren interessant. + +Het werd einde April, toen we Kelat bereikten, de hoofdstad van +Beloetsjistan, op de aanzienlijke hoogte van 2100 M. gelegen. De +stad heeft een bevolking van bij de 50,000 inwoners, die in aantal +wisselt met de seizoenen; midden in den winter is de stad zoo goed als +verlaten. De bazars zijn zeer middelmatig, en men ziet aan alles, dat +de hier wonende menschen ver beneden de Perzen staan in de vorderingen +der beschaving. + +In 1838, in den eersten oorlog met Afghanistan, werden britsche +officieren naar Kelat gezonden, om de medewerking van den khan te +krijgen bij het noodzakelijk reizen door zijn land op den tocht +naar Kandahar. Men kreeg eenig wantrouwen, dacht aan verraad, en in +November 1839 viel een britsche krijgsmacht Kelat aan en maakte er +zich bij verrassing van meester. + +In 1877 kochten de Engelschen Quettah, en in den volgenden oorlog met +Afghanistan bewees Khoedabad, khan van Kelat, ons groote diensten. Zijn +zoon Mahmoed Khan is hem opgevolgd en regeert thans over Kelat. + +Maar om mijn verhaal te vervolgen. Wij trokken over een niet zeer +hoogen pas in de bergen en kwamen tegenover een schilderachtig gelegen +fort, waar zich de broeder van den khan bij de britsche commissarissen +aansloot met eenige juist aangeworven lansiers. Ons bivak werd dichtbij +de armoedige gebouwen opgeslagen, waar de politieke agent woont; maar +wij hadden geen reden tot klagen, want de tuin leverde ons de beste +groenten, die wij sinds we te Djalsk waren, hadden geproefd. Daar +had men ons een heerlijken schotel linzen voorgezet. Wij waren nu +weer aan de telegraaflijn, die wij te Kharan hadden verlaten, en +twee étapes verder, na door het heerlijke Mastangdal te zijn gegaan, +bereikten wij den weg van Kelat, die toen in aanleg was en die nooit +geheel voltooid is geworden. + +In ons laatste kamp konden we den spoorweg zien over den Bolanpas, +zoo goed als geheel voltooid. Onze perzische bedienden kwamen zeggen, +wat het was, blij dat ze ons wat nieuws konden vertellen. Onze +paarden namen hier met niet veel genoegen de noodige rust en gingen +bijna op hol, toen ze eerst een spoorwaggon en toen het station +zagen. Wijzelven waren verrukt van de frischgroene omgeving en de +mooie lanen, en toen wij eindelijk het consulaat van Quettah hadden +bereikt, voelden wij neiging, om uit te roepen: "Hier moet werkelijk +het paradijs zijn geweest!" + +De vriendelijke ontvangst van Sir James Brown, zijn mooi huis met +het echt engelsche aanzien en vol van smaakvolle weelde, besloten +op aangename wijze deze reis, en mijn zuster kon voortaan aanspraak +maken op de eer, de eerste vrouw te zijn geweest, die te paard van de +Kaspische Zee naar Indië reed over een afstand van meer dan 3000 K.M. + + + +V + + Seïstan.--Zijn geschiedenis.--De delta van de + Helmand.--Vergelijking van Seïstan met Egypte.--Uitstapjes + in Helmand.--Terugkeer van Yezd naar Kirman. + + +Een nieuwe tocht ter grensvaststelling was noodig, om het werk te +voltooien van de engelsch-perzische commissie, tusschen Afghanistan, +Beloetsjistan en Perzië. Op 2 Januari 1899 waren wij te Robat-Kelat +aangekomen, dichtbij den zuidwesthoek van Afghanistan, en we zouden +Seïstan binnentreden. Zonder weer het werk der grensregeling te +beschrijven, wil ik een en ander meedeelen over de aardrijkskundige +gesteldheid van dit land, dat tot nu toe zoo onvoldoende bestudeerd is. + +Seïstan is het land der roemrijke geslachten van krijgers, waar Rustem +uit is voortgekomen, de held van Firdoesi's heldendicht, die nu nog, +als vóór duizend jaren, de nationale held der Perzen is. Al wat men +niet begrijpt, wordt aan hem toegeschreven, zelfs bij voorbeeld de +sassanidische beeldhouwwerken op de rotsen te Persepolis. + +De tijd der dynastieën van Parthen en Sassaniden wordt in die +provincie door geen merkwaardige gebeurtenissen gekenmerkt; maar +de arabische veroveraars zijn er misschien verantwoordelijk voor, +dat de zeer oude steden Keikobad en Garsjap totaal verwoest zijn, +en dat op die plekken arabische steden zijn verrezen. + +In 1363 maakte hij, die later de beroemde Timoer worden zou, zich van +verscheiden dorpen meester; maar hij werd verslagen en moest zich in +Makran terugtrekken. In dezen veldtocht deed hij de wonde op aan den +voet, die hem den bijnaam _lang_, den kreupele, bezorgde, waardoor hij +Timoerlang of Tamerlan werd. Hij verscheen weer één-en-twintig jaren +later, maar als veroveraar en moordenaar en maakte zich van Zirra, +daarna van Zalidan meester, dat toen waarschijnlijk de hoofdstad der +provincie was. Het garnizoen der stad werd aan zijn degen geregen, en +de ruïnen bleven aan de jakhalzen overgelaten, die er nog leven. Tot +overmaat van ramp vernielde Timoer het groote afdammingswerk, dat +den naam van _Band-i-Rustem_ droeg. + +Door zulke rampen veranderde geheel het voorkomen der +provincie. Seïstan, bestaande uit het meer en de delta, door de +Helmand gevormd, was op dat oogenblik door aanslibbing der rivieren +aan de noordzij van het meer ontstaan, terwijl het latere bewoonde +Seïstan op de plaats lag van het verdwenen en uitgedroogde meer. + +Dat Alexander de Groote op zijn tocht deze streken passeerde, bewijst, +dat zij toen niet zoo droog waren als tegenwoordig, en op een groot +deel van Azië is ditzelfde van toepassing. + +Het tegenwoordige Seïstan heeft de Helmand of Hilmend tot oostgrens, +terwijl zich in het Noorden en Westen de hamoen uitstrekt, de +lagune. In het Zuidoosten van het bewoonde Seïstan bevindt zich de +_Gand i Zirra_ of het Zirrahol, waarin het water der lagune gebracht +wordt door den Sjelag, een waterloop van 350 M. breedte met 15 M. hooge +oevers, waar ik er overheen trok. Het groote bekken zelf is minstens +160 KM. lang en 50 KM. breed; het heeft zeker al het water opgenomen, +dat men nu in het meer vindt, of ten minste al het overvloedige +van de hooge waterstanden, anders kan men zich onmogelijk de groote +uitgestrektheid verklaren. Als het meer veel water heeft, is de Sjelag +een rivier met zout water, die met de Helmand evenwijdig loopt maar +in tegengestelde richting en daarvan gescheiden is door zandduinen. In +'t algemeen is er niet anders dan een moeras in de laagste inzinking, +en zelfs in het voorjaar bedekken de wateren geen tiende deel van +zijn oppervlakte. Volgens Istakhri liep de Helmand uit in het meer +Zirra. Vóór de aankomst van Tamerlan was de rivier afgedamd en van +dien dam, de Band-i-Aok of Akoa ging een breed kanaal uit, dat diep +was en waaruit het district in het Zuiden werd besproeid. Men vindt +er nu niet anders dan de resten van groote steden. De grootste was +Hauzdar, waar volgens de legende de zoon van Rustem gedood werd. + +De hoofdarm van de delta vloeide toen naar het Noordwesten, maar toen +na den inval der Tartaren en de verwoesting der kanalen Hauzdar zijn +toevoer van water verloor, werd Sekoeba de hoofdstad van Seïstan. + +Voor zoo ver wij weten, hadden er geen groote veranderingen plaats, +tot een zestigtal jaren geleden volgens Conolly, die er kort daarna +een reis ondernam, de nieuwe afdammingen door het water weggesleurd +werden en Seïstan tot droogte veroordeelden. Tusschen 1840 en 1850 +heeft men weer nieuwe leidingen aangelegd. + +Toen Sir Frederick Goldsmith als scheidsrechter was benoemd tusschen +Perzië en Afghanistan, plaatste hij de grens aan de rivier, waarvan +de loop niet was veranderd. Maar acht jaren geleden baande zij zich, +door de alluviale aanslibbingen waarschijnlijk, een doorgang naar +het Westen, en op den tijd van ons bezoek stroomde de hoofdarm van de +Helmand onder den naam van Roed Perian naar het Oosten en evenwijdig +met de Roed Nasroe, die Djahanabad, Ibrahimbad en Djalalabad had +verwoest, de wieg der kejanische dynastie. Men begrijpt, dat de rivier, +die geen tegenstand meer ontmoette, haar oorspronkelijken loop hernam, +en van toen af konden de Afghanen zich terecht beklagen, dat zij op +een droogje werden gelaten, daar de arm de Nad-i-Ali slechts weinig +water had. + +Om op de geschiedenis terug te komen, het land werd na Tamerlan +bestuurd door den stam der Kejaniërs, die voorgeeft, af te stammen +van de koninklijke familie der Achemeniden. Het hoofd was nu en dan +onafhankelijk, maar toen de dynastie der Saffaren haar hoogtepunt +van macht had bereikt, moest hij zich onderwerpen en erkende het +oppergezag van Perzië. + +Toen Isfahan belegerd was geworden door de Afghanen, kwam Malik +Mahmoed, de regeerende vorst, te hulp met 10,000 soldaten, maar daar +de overweldigers hem het bezit van Khorassan hadden beloofd, liet hij +de koningsstad aan haar lot over. Kort daarna werd hij te Mesjed door +Nadir gevangen genomen, die zich op de eerste plaats begon te dringen, +en zijn erfgenamen, twee broeders, hielden een beleg van zeven jaren +uit op den Koeh-i-Khoya; maar zij verzoenden zich ten laatste met +den overheerscher en onderwierpen zich. + +Bij den dood van Nadir Sjah werd het koninkrijk Afghanistan gesticht +door shah Ahmed, die geheel Oost-Perzië in bezit had, met Kain +en Seïstan erin begrepen, provincies, die van Herat uit bestuurd +werden. De stam van de Kejani's verdween langzamerhand; op het eind der +18de eeuw werd de stam der Nahrveï's uit Beloetsjistan uitgenoodigd, +zich in Seïstan te vestigen, om een tegenwicht te vormen tegen de +Sjahreki's en Sarbandi's. + +Tegen 1850 werd Ali khan, het hoofd der Sarbandi's, schatplichtig +aan Perzië en verkreeg de hand der dochter van Bahram Mirza, een +bloedverwant van den shah. Doch deze werd overwonnen en gedood door +een van zijn neven Tadsj Mohammed, die eerst erkend werd, doch later +in de gevangenis geworpen, toen ontsnapte en verder een zwervend +leven leidde, dat hij te Quettah eindigde. + +Daarna nam de perzische regeering geleidelijk Seïstan in bezit en +begon de forten aan de overzij van de Helmand weer te bezetten. Maar +Sjïr Ali, de beheerscher van Afghanistan trachtte dat te beletten, +en om een oorlog tusschen Perzië en Afghanistan te voorkomen, stemde +de britsche regeering erin toe, scheidsrechterlijk op te treden, +volgens het tractaat van Parijs. + +Het was een moeilijk geval. De scheidsrechter had niet alleen +tusschen tegenstrijdige eischen te kiezen, maar moest ook den waren +_status quo_ vaststellen. Toen generaal Goldsmith echter inzag, dat +een volledige enquête onmogelijk was, kwam hij naar Teheran terug en +liet van daar zijn beslissing vallen, waardoor de Helmand de grens +werd, en Perzië het geheele gedeelte kreeg, waar eenige opbrengst +van was te verwachten. Toch kwamen beide partijen in hooger beroep, +en de beslissing werd uitgesteld. + +Seïstan werd een weinig uit het oog verloren. Maar de openstelling +van den weg Quettah-Noesjki-Khorassan, een der resultaten van de +perzisch-afghaansche onderneming tot vaststelling der grens, vestigde +er weer de aandacht op, en kapitein Webb Ware bracht er een bezoek +aan in 1897. Er werd een russische vice-consul benoemd in den herfst +van 1898, en in datzelfde jaar kreeg ik de opdracht, er een britsch +consulaat te vestigen. + +Intusschen waren wij aangekomen bij de zwarte, lage bergketen +Koeh-i-Malik-Sia, die alleen belangrijk is, omdat daar de drie rijken, +Groot-Brittannië, Perzië en Afghanistan aan elkander grenzen. + +Ik ontmoette Wood en zijn expeditie bij het station Hoermak, het +laatste waar wij vóór Helmand nog versch water zouden vinden. Dan zou +een eindelooze, dorre vlakte volgen, die een troosteloozen aanblik +opleverde. + +Den volgenden morgen kwamen wij aan den oever der Sjelag, die groote +zoutwaterplassen vormde, waar eenige eenden in rondzwommen. In een +diagonaal passeerden wij de breede, diepe bedding der rivier, en na den +linkeroever te hebben bereikt, zagen wij de eerste ruïnen. Wij sloegen +ons kamp op te Girdi-Sjah, waar ik mijn post moest vestigen niet ver +van de Ramroed-ruïnen, waar de huizen, van leem opgetrokken en reeds +zoo lang verlaten, nog zoo goed als bewoonbaar waren. Girdi-Sjah, +de eenige plaats, die mijlen ver in 't rond drinkbaar water had aan +te bieden, wordt altijd aangedaan door de karavanen, die uit Perzië +of uit Afghanistan komen. Mijn sowars hebben er wat koren gezaaid en +hebben de putten en bronnen schoon gemaakt, zoodat daar later een dorp +zal kunnen ontstaan, wat een groote weldaad voor de karavanen zal zijn. + +De volgende etape bracht ons door een gebied van verlaten steden +en dorpen. We passeerden de ruïnen van Koendar en Hauzdar, en we +kampeerden te Asak-Sjah, waar wij eenige bronnen met vrij goed water +aantroffen, in de buurt waarvan groote kudden schapen graasden. We +waren nu dicht bij het bewoonde Seïstan. + +Over een grasvlakte rijdend, kregen wij weldra het eerste +besproeiïngskanaal te zien, dat wel 5 M. diep was. Onze paarden waren +overgelukkig, en zij dronken zoo begeerig, dat wij hen wel tot hun +eigen heil moesten weghalen. Langs door het water afgesleten rotsen +kwamen we bij Varmal, een groot dorp, bevolkt met een duizendtal +inwoners. In ons kamp aangekomen, genoten we van de verrassing, daar +zakken met gerst en meel te vinden; we waren nu weer in een land +van overvloed. + +Ik ben getroffen geworden door de overeenkomst, die er bestaat tusschen +Seïstan en Egypte aan den eenen kant, en Sarhad en Palestina aan +den anderen. Seïstan is even afhankelijk van de rivier de Helmand +of Hilmend als Egypte van den Nijl, en de beide districten zijn de +korenschuren voor de omringende gebieden. Eveneens maakt de droogte +juist als in Palestina het land in Sarhad onbewoonbaar; de kudden +schapen en geiten sterven door gebrek aan voedsel. Als ik in Sarhad +onderzoek deed naar een stam, die er vroeger had gewoond, luidde +onveranderlijk het antwoord, dat hij naar Seïstan was gegaan. + +Zooals Abraham en Jacob genoodzaakt waren naar Egypte te gaan, om +het bestaan van hun gezinnen te verzekeren, zoo vereenigen de nomaden +zich in Seïstan en in de buurt. Om de vergelijking te voltooien nog +dit, dat, zooals de reiziger in Egypte door de arabische woestijn +trok met het oog gericht op de Middellandsche Zee, zoo sleepen zich +de herders, die van hongersnood te lijden hebben, met moeite door de +woestijn naar Seïstan en zien daar de breede Helmand en de moerassen, +het vochtige land, dat herders en kudden van den dood zal redden. + +Ons eerste bezoek aan het meer vertoonde ons een groote uitgestrektheid +water, volkomen open en bedekt met myriaden wilde vogels. Als ze +opvlogen maakte dat hetzelfde geluid als de zee kan maken, als de +golven breken op de kust. Zij waren buiten het bereik van onze geweren, +en wij hadden geen boot om erbij te komen. + +In het kamp teruggekeerd, vonden wij er een ambtenaar, dien +de gouverneur gezonden had, om ons naar zijn residentie te +geleiden. Gedurende den tocht naar Nasratabad vielen velen onzer +kameelen met hun lasten neer, soms in de irrigatie-kanalen. Er is +geen treuriger aanblik, dan zoo'n arm schip der woestijn in het water +te zien. + +Op zes kilometer afstands van Nasratabad voegde zich de gouverneur, +Mir Masoem Khan, bij ons. Maar na enkele begroetingen en wat muziek +ter eere van den avond, die aan den Ramadan voorafgaat, liet men ons +in ons kamp met rust. + +Het fort van Nasratabad, vroeger Nasirabad, is gebouwd door den emir +van Kain, nu zoowat dertig jaar geleden, in den tijd toen Perzië zich +in Seïstan vestigde, in de onmiddellijke nabijheid van Husseinabad, +een belangrijk dorp van twintig duizend zielen. Het bestaat in een +omsloten ruimte van een weinig meer dan 50 HA. oppervlakte, omringd +door negen meter hooge muren van aanzienlijke dikte, waar torens op +zijn geplaatst dicht bij elkaâr. Daaromheen een overdekte weg met +schietgaten en een diepe gracht, die soms vol water is. + +In het inwendige ziet men van vijftig tot honderd winkels, waar +soldaten zich met den handel bezig houden tijdens hun verblijf in +Seïstan. Ook treft men hier en daar enkele kleine, bebouwde velden +aan en overal ontmoet men ezels als rij- en lastdieren. Het garnizoen +van Nasratabad bestaat uit twee regimenten. + +Mir Masoen Khan, de gouverneur, is een jonge man van negentien jaren, +wien ik op 't eerste gezicht vijf-en-twintig zou hebben gegeven, +misschien gedeeltelijk omdat hij een blauwen bril droeg. Wij brachten +hem den dag na onze aankomst een bezoek. Hij had een bleeke, ongezonde +tint, en ik vond hem zeer onwetend en lichtelijk ijdel, wat in die +omgeving van perzische hovelingen niet te verwonderen was. + +Van Nasratabad keerden wij naar Varmal terug, waar ik samen zou komen +met de expeditie Webb Ware. Twee dagen later verliet zij ons, en om +het gevoel van eenzaamheid te overwinnen, besloot ik den Koeh-i-Khoya +te gaan bezoeken. + +Het is de eenige berg van Seïstan, en hij speelt een groote rol in +de oude heldengeschiedenis van het land. De berg is niet hoog en +vlak, en men zou hem zeker den Tafelberg hebben genoemd, als de +Perzen tafels hadden. Alleen van het zuiden en zuidoosten was de +berg toegankelijk. De geheele oppervlakte was overdekt met openingen, +resten van mijnen en grachten, van waterleidingen en réservoirs van het +regenwater, of men vond er gesloten graven, waar ruw opeengestapelde +steenblokken op lagen of een koepeltje van leem was gebouwd. + +Van den Koeh-i-Khoya ging ik naar Band-i-Seïstan aan de Helmand. Te +Dolatabad, stond de omgeving onder water en het dorp was een eiland +geworden. De huizen zijn ellendige leemen hutten met modderpoelen +ervoor en een ezel ernaast. Zoo is het heel Seïstan, ook te Sehkoeba, +het volgende dorp, dat doorgaat voor de hoofdstad van Seïstan. + +Wij brachten meer dan één bezoek aan de Helmand, de Etymander uit +de oude aardrijkskunde. Het is een mooie rivier, even breed als de +Theems vóór den Tower van Londen, en na vele maanden reizens door de +woestijnen, was voor ons de aanblik bijzonder verkwikkend. + +De dam bij Band-i-Seïstan scheen zeer weinig soliede. Maar misschien +ligt zijn kracht in zijn zwakheid, want hij kan gemakkelijk hersteld +worden, terwijl een steenen dam, op die plek aangelegd, een verandering +zou kunnen teweegbrengen in den loop der rivier. + +Ten tijde van de expeditie naar Seïstan had hij de volgende +afmetingen. De totale lengte was 220 M. de grootste breedte 33 M., +de hoogte 5 1/2 M. Op den tijd van mijn bezoek waren breedte en hoogte +van den dam sterk verminderd, en ofschoon het laag water was, vloeide +de stroom erdoor of er overheen. Het eenige hout, dat erbij gebruikt +was geworden, was dat der tamarinde; palen van geringe dikte waren +in de bedding der rivier geslagen en dunne takken waren er doorheen +gevlochten. Om de constructie steviger te maken, worden er takkebossen +aan toegevoegd, die ieder jaar vernieuwd moeten worden. Zoo is Seïstan +feitelijk zonder water, als de toevloed, teweeggebracht door het +smelten der sneeuw op de Berberbergen opgehouden heeft, en duizenden +dorpelingen moeten dan aan het werk gaan, om den dam te herstellen. + +Er wordt beweerd, dat de Helmand uitstekende visch levert; maar die +wij vingen, was altijd flauw en smakeloos. De oevers van het kanaal, +dat Madar Ab of Moeder der wateren wordt genoemd, zijn bedekt met +een dichten plantengroei van lage tamarinde, een der weinige jungles, +die ik in Perzië heb gezien. + +Wij gingen in den omtrek op snippen en eenden jagen. Het was geen +kwaad jachtterrein; maar wij liepen onophoudelijk door het water, +en zoo werd het zwaar werk. Al dit land, dat nu met tamarindestruiken +en hoog riet bedekt is, was nog slechts enkele jaren bebouwd. + +Men vindt er ook nog ruïnen van oude steden, als Sjahristan en +Zahidan. De belangwekkendste waren die van een toren van gebakken +steen, omstreeks twintig meter hoog. Een breede bres aan de zuidzijde +bedreigt hem met verval en instorting, welke ramp niet lang meer kan +uitblijven. De toren, waarop koefische opschriften zijn te lezen, +was blijkbaar de minaret van een verdwenen moskee. + +Nadat wij weer eenige dagen in het kamp te Nasratabad hadden +doorgebracht, toog ik er op uit voor eene nieuwe excursie, waarbij +ik mij voorstelde, de lagune te bezoeken. Rondom het dorp Haldimi +woont aan de oevers der lagune de stam der Sajaden, die mij belang +inboezemden, omdat ze waarschijnlijk tot de oorspronkelijke bevolking +van het land behoorden. Dat beweren ze ten minste, en hun uiterlijk +schijnt het te bevestigen. + +Dichtbij hen wonen de Gaudars, wier kudden zich te goed doen aan +het jonge riet van de lagune. De koeien van Seïstan genieten een +goede reputatie. + +De Sajaden zijn volgens hun zeggen de eenige echte Seïstani's, +en dat is mogelijk, want zij alleen hebben kunnen ontkomen aan de +mongoolsche horden, door voorraden mee te nemen aan boord van de +groote vlotten en zich ermee in het riet te verbergen. De stam telt +ongeveer vierhonderd gezinnen. + +Wij gingen door Djalalabad, vroegere bezitting van den stam der Kejans, +nu een onbeteekenend plaatsje. De nieuwe loop van de rivier heeft het +dorp gespaard, maar 't bouwland vernield. Wij bezochten de ruïnen aan +de Roed Nasroe. Men vindt daar overblijfselen van steenen huizen, die +op een beteren bouwtrant wijzen dan de gewone leemen verblijven. Zeker +hebben Timoer en shah Roek aan de perzische beschaving een zwaren +slag toegebracht, waardoor de loop der geschiedenis een wijziging +heeft ondergaan. + +Mian Kangi bleek een dichte jungle van tamarindestruiken tusschen die +Roed Persian en de Helmand, waar op de open plekken dorpen lagen. De +rivier, de Helmand, is er zeer ondiep; de bedding was bijna droog, +toen wij erdoor trokken. Daar wij niet door de dichte struiken konden +marcheeren, moesten wij wel de rivier volgen, en in de weinige dorpen +hoorden wij telkens verhalen over de onderdrukking door de Afghanen. + +De uit Europa gekomen schrijvers zijn naar mijn bescheiden meening veel +te streng, als zij over toestanden in Perzië oordeelen. Om alleen maar +over deze provincie Seïstan te spreken, vóór de perzische regeering +er bezit van nam, was het leven van geen enkel reiziger er veilig. En +ten tijde van de eerste zending naar Seïstan was daarin reeds veel +verbetering gekomen, terwijl men nu in het district even veilig is +als in de meeste landen van Europa. Een geregelde immigratie heeft +er plaats uit Afghanistan, en zoo neemt het bebouwde deel van het +land steeds toe; het is wel verviervoudigd onder de regeering van +Nasr ed Din. + +Mijn beide excursies hadden mij Seïstan goed doen zien, en ik kan er nu +met kennis van zaken over oordeelen. Het wordt, zooals ik heb gezegd, +in twee deelen verdeeld, de boomlooze streek en de jungle. In beide is +de grond dezelfde en bestaat in hoofdzaak uit een lichte leemsoort. Op +sommige einden treft men veel vierkante kilometers van zandheuvels, die +toch wel voor bebouwing geschikt zouden zijn. Rondom Nasratabad bevat +de grond veel zout en men vindt er veel gaten en kuilen en ondiepe +plassen, die een opperbeste kweekplaats opleveren voor schadelijke +muskieten. Gelukkig dat er van April tot Juni in Seïstan een nog al +krachtige wind waait, die het district bewoonbaar maakt en, hoewel +warm en niet aangenaam, toch de malariadampen wegvoert. + +Lord Curzon behandelt in zijn boek over Perzië uitvoerig de quaestie +van Seïstan uit politiek oogpunt. Ik heb haar slechts beschouwd met het +oog van den geograaf. Er is reeds opgemerkt, dat het een klein Egypte +was, een korenschuur voor de omliggende streken. Dat karakter wordt nog +meer in het oog vallend door de ligging van het land halfweg tusschen +de russische bezittingen en de Perzische Golf, met aan beide zijden +zeer weinig bevolkte landstreken. Daarbij is het 't eenige bebouwde +district tusschen Quettah en de provincie Kirman. Aan den anderen kant +bestaat het bebouwbare Seïstan met een bevolking van nauwelijks 100,000 +inwoners, 7000 nomaden daaronder begrepen, uit niet veel meer dan de +delta der Helmand. Ik geloof niet, dat de groote hoeveelheden water, +die tegenwoordig ongebruikt worden gelaten door een andere mogendheid +dan die, welke den bovenloop der rivier in haar bezit heeft, kunnen +worden gebruikt, en in die omstandigheden kan men niet verwachten, +dat de bebouwde gronden sterk zullen toenemen in den eersten tijd. + + + +Auvergne. + +(Puy de Dôme en Cantal). + +Door G. Bosch. + + + +In den afgeloopen winter speelde het toeval mij kort na elkaar boeken +en tijdschriften in de hand, die den geologischen toestand van het +hoogland van Auvergne behandelden. + +Het gelezene wekte zoo zeer de belangstelling op, dat uitgebreider +lektuur over dit onderwep gezocht en gevonden werd, en langzamerhand +het plan tot rijpheid kwam om in den zomer die streken eens te gaan +bezoeken. + +De eerste bronnen, die voor de reis geraadpleegd werden, waren +natuurlijk reisgidsen en onder deze bijzonder die van Ioanne "Auvergne +et Centre", omdat voor eene streek in Frankrijk een fransche reisgids +het beste geacht moest worden. Toch bleek later dat dit niet geheel +uitkomt. De schrijver toch van dien gids is niet kunnen ontsnappen +van het algemeen gebrek zijner landgenooten. De Franschen houden +namelijk zoo verbazend veel van hun land, dat zij niet kunnen nalaten +zich aan overdrijving schuldig te maken, als zij er over spreken +of schrijven. Wat bekoorlijk en lief is, wordt prachtig; wat minder +goed en minder fraai is, wordt verzwegen. Mijn indruk van het land, +in korte woorden saâmgevat, is, dat de vorming van het land, bijna +aan alle zijden en bij elken stap herinnerende aan zijnen vulkanischen +oorsprong, zoo hoogst belangwekkend is, en dat daarnaast de historische +gebouwen, zoowel de nog in hun geheel aanwezige als de bouwvallen, zóó +mooi en zóó belangrijk zijn, dat de reiziger niet eens de inderdaad +fraaie natuurtafereelen, die niet zelden naast en dikwijls boven +het andere de aandacht trekken, noodig heeft om zich schadeloos te +stellen voor het minder aangename dat eene minder bereisde streek +hem soms bieden kan. + +Wanneer de fransche gids (uitgave van 1904) zegt, dat men, buiten +de meer bezochte streken komende, verstandig zal doen een inwoner +mede te nemen als gids, omdat de bevolking in opschudding zou komen +indien een toerist zich alleen vertoonde, en omdat de politie zich +verontrusten zou en hij zich aan vervelende onaangenaamheden zou +blootstellen,--waarom men in elk geval van een soort van paspoort of +ander officieel stuk voorzien dient te zijn,--dan maakt die fransche +schrijver zich, ten koste van zijn eigen volk, schuldig aan eene +flauwe overdrijving. Gedurende een veertiendaagschen tocht heen en +weer door 't gansche land, alléén en als toerist, met den ransel +op den rug, afgelegd, had ik mij nergens minder over te beklagen, +dan over de plattelandsbevolking. De menschen waren overal even +vriendelijk en beleefd. Bij het maken van een praatje in eene +herberg of op eene boerderij,--langs den weg ontmoet men er weinig +menschen,--deed zich echter een ander, minder prettig verschijnsel +voor. De menschen verstonden mij wel, maar konden dikwijls niet in +het fransch antwoorden. Kinderen en jongelieden, die ik bijv. naar +den weg vroeg, gaven altijd vlug, nauwkeurig en beleefd antwoord +in een benijdenswaardig zuiver fransch; zij leeren dat op de +school; maar de Auvergnaten hebben van ouds hunne eigene taal, de +"langue d'Oc". Zoo lang zij in de steden of op de buitenplaatsen +als dienstboden verkeeren, of zoo lang de mannen hunnen dienstplicht +vervullen, onderhouden zij hun fransch; maar in de dorpen teruggekeerd, +vergeten zij het op lateren leeftijd en spreken onderling alléén de +eigen taal. Het is mij meermalen voorgekomen, dat men mij in een +gesprek, dat al dadelijk niet vlotten wilde, zeide: "ik heb mijn +fransch vergeten". Misschien hebben zij aan dat onbeholpene den naam +van stuursch en teruggetrokken te zijn te danken. + +"De guide Ioanne" overdrijft nog aan eene andere zijde. Opzettelijk +prijst hij de hotels, zelfs op de kleine plaatsen, en noemt maar een +paar dorpen op, waar de zindelijkheid twijfelachtig zoude zijn. Nu +is mijne ondervinding wel eenigzins anders. Op het platteland +en in de kleinere steden krijgt men overal in de herbergen goede +maaltijden. Heerlijk grappig waren de zelden ontbrekende menu's, met +onbeholpen hand geschreven en, met minachting van alle taalregels, +zuiver naar den klank gespeld! De bedden zijn ook in den regel goed; +maar de netheid der vertrekken laat wel eens te wenschen over. De wijze +van ontvangst is evenwel overal zoo echt fransch beleefd en aangenaam; +de gesprekken waarin men door waard of waardin gewikkeld wordt zijn +zoo gezellig, dat men ongemerkt veel over 't hoofd ziet. Als heer +alléén kan men zich overal redden, en er is aan alle zaken ook een +vroolijken kant,--maar aan dames zoude ik niet aanraden in Auvergne +op andere plaatsen te logeeren, dan in de grootere badplaatsen en +verder te Clermont Ferrand, te Vic-sur-Cère en te Lioran. In deze +beide laatste plaatsen vindt men hotels van den Orleans-spoorweg, +die niets te wenschen overlaten. Gelukkig kunnen de belangrijkste +punten van die plaatsen uit bezocht, en kunnen van daar uit prachtige +bergtoeren ondernomen worden, zoodat Auvergne met glans op de lijst +der pleizier-reizigers gehandhaafd blijft. + +Naast deze opmerkingen nog eenige algemeene zaken. + +Wat gaat men in Auvergne zien?--De vulkanische vormingen en de +monumenten van middeneeuwsche bouwkunde. + +In de eerste plaats de vulkanische vorming van het land. Ik geloof niet +dat er een streek in Europa is, die den leek na eenige voorloopige +lectuur over vulkanen, zoo goed op de hoogte kan stellen van de +vervormingsgeschiedenis der aarde. Ik wil niet verbergen, dat toen +Auvergne op mijn reisprogram kwam, mijne vulkanische wetenschap niet +van aanbelang was. Vesuvius en Krakatau, met Gruadaloupe, ziedaar de +voornaamste punten; eene duidelijke voorstelling van wat ik er moest +gaan zien, had ik niet. Gelukkig kwam ik in aanraking met een geoloog, +die zoo vriendelijk was, mij in algemeene en zeer juiste trekken een +en ander mede te deelen. De lezer houde mij eenige vreemd klinkende +woorden ten goede, de toelichting is zonder die lastige namen niet +te geven; ze zijn trouwens niet talrijk. + +De vulkanen, zoo zeide mijn deskundige, worden verdeeld in +_massa_-vulkanen, en in _strato_-vulkanen. De _massa_-vulkanen voeren +in hunne gloeiende lava geene gassen en dampen mede; ze breiden zich +rustig uit en de lava bouwt de kegels op. De _strato_-vulkanen voeren +daarentegen in de lava vele dampen en ontploffende gassen mede. Het +gevolg daarvan is onverhoedsche en heftige uitbarstingen, waarbij +steenen, asch en waterdampen de lucht ingeslingerd worden. Bij +het terugvallen der vaste stoffen, bouwen deze dan ook weder de +kegels op. De meeste vulkanen van den tegenwoordigen tijd zijn +_strato_-vulkanen, en hiertoe behooren ook de nu uitgedoofde in +Auvergne. De plotselinge uitbarstingen der _strato_-vulkanen hebben +eene voortdurende verandering der kegels ten gevolge, en dikwijls +vernielen zij de bestaande. Bij de _massa_-vulkanen is de voortdurend +betrekkelijk rustig uitvloeiende lava oorzaak, dat de kegels steeds +hooger op gebouwd worden. De meeste vulkanen hebben meer dan één +krater, of eene reeks er van, die om den hoofdkrater zijn geschaard. De +Vesuvius bijv. heeft ongeveer 900 van die bijkraters. Soms ook is er +geen hoofdkrater, en vloeit de lava uit spleten naar buiten. + +De kegel van een _strato_-vulkaan is dus opgebouwd uit eene +onzamenhangende massa asch en steenen. Komt er aandrang van binnen, +dan zijn de wanden van den kegel dikwijls niet stevig genoeg om +weerstand te bieden tot de lava zich boven ontlasten kan, en men +krijgt dan zijdelingsche ontladingen, die instorting der kegels +tengevolge hebben. De kegels krijgen dan den vorm van een hoefijzer, +dat op het overblijvende deel van den kegel rust. Dergelijken heb ik +in Auvergne veel gezien. + +_Strato_-vulkanen staan altijd langs de zeekust of bij groote +binnenmeren; over den geheelen aardbodem vindt men daar voorbeelden +van, zooals Japan, Formosa, de Sunda-eilanden. In Auvergne treft +men als 't ware twee reeksen van vulkanen aan, en die hebben dan ook +vroeger aan de kust gestaan. Door de nabijheid van water worden de +_massa_-vulkanen _strato_-vulkanen; de waterdampen hebben dan spoedig +heftige uitbarstingen tengevolge. De vulkanen in Auvergne werkten toen +Noord-Frankrijk, België en Nederland nog niet bestonden en Auvergne een +kustland was. Zij werkten--nu komen een paar erg vreemde woorden--in +het jonge tertiaire tijdvak. Nederland is in 't opvolgende tijdperk, +het quaternaire, ontstaan. + +Ziedaar wat ik vernam, en wat voldoende was, om 't geen ik later +zag te begrijpen. Eene verdere vraag, aangaande de kenteekenen der +verschillende voorkomende gesteenten, als daar zijn graniet, basalt, +lava en nog heel veel andere, kan voor een leek niet voldoende +beantwoord worden. In het algemeen is lava niet zoo vast van vorm; +het heeft poriën, dikwijls grootere holten en gaten, en ziet er +soms ook weer glasachtig uit; maar er zijn tal van soorten, wier +bijzondere kenmerken alleen door den deskundige te vatten zijn. De +overige vulkanische gesteenten zijn niet zoo eenvoudig aan te duiden; +zij gaan buitendien te veel in elkander over; de kleuren zijn ook +niet vast, maar wijzigen zich naar den warmtegraad waaronder zij +gevormd werden, en later onder den invloed der lucht. + +De ouderdom der vulkanen; de tijd waarin zij werkten en sinds wanneer +zij rusten, laat zich niet anders dan bij duizendtallen eeuwen meten. + +Wat nu aangaat 't geen men in Auvergne in de tweede plaats gaat +zien, de monumenten der middeneeuwsche bouwkunde, daarover kan beter +gesproken worden bij het bezoeken der monumenten zelve. + +Zijn deze aanduidingen omtrent de vulkanen wellicht te algemeen, +bij latere bespreking der landstreek valt er wellicht nog meer ter +toelichting te zeggen. Van harte hoop ik dat de lezer aan 't gegevene +genoeg heeft;--zoo niet, dan helpe hem verdere studie en een onderzoek +ter plaatse! + +Ik noodig u thans uit, de reis met mij te aanvaarden,--zonder paspoort +en zonder zorg voor onaangename ontmoetingen, als gevolg van dien. Nog +eene aangename mededeeling vooraf. Het reizen in Auvergne is zeer +goedkoop, en gidsen zijn overal overbodig; men komt er wel. + +En nu van Amsterdam met den morgentrein naar Parijs, denzelfden avond +nog van het P.L.M. station naar Clermont-Ferrand, om daar tegen 4 +uur in den ochtend aan te komen en nog een aangename nachtrust te +genieten eer we de stad gaan bezichtigen. In het Hôtel de la Poste, +op de Place de Jaude, vinden we alles wat we wenschen kunnen. + +Clermont-Ferrand is eene aangename, ruim gebouwde stad met 52000 +inwoners. Het oude gedeelte, dat tegen en over de hoogte gebouwd is, +heeft zeer schilderachtige hoekjes, en hier en daar mooie oude huizen, +een enkel in romaanschen, meest alle in renaissance-stijl. 't Zijn +echter gewoonlijk maar enkele deelen die de aandacht trekken: eene +fraai gebeeldhouwde deur, eenige mooie vensters, eene binnenplaats met +een wenteltrap. Want er is in Clermont maar weinig geheel onaangeroerd +gebleven; 't meeste is sterk vernieuwd of geheel nieuw. + +De stad is gebouwd ter plaatse van eene oude gallische nederzetting, +en zelfs in de latere tijden gaven enkele opgedolven voorwerpen +recht tot de onderstelling, dat er vóór de Galliërs reeds een ouder +oorspronkelijk volk woonde. De Romeinen noemden het Augusta Nimetum; +de tegenwoordige naam komt eerst in de achtste eeuw voor. Spoedig na +de stichting werd het de zetel van een bisdom, en niettegenstaande de +inwoners zich in den loop der tijden herhaaldelijk eenige zelfregeering +trachtten te verschaffen, is hun dit eigenlijk nooit voor in den +nieuwen tijd gelukt. Zij kregen eerst een eigen bestuur tijdens +de groote omwenteling, en zijn daar toen wel wat ruw bij te werk +gegaan. Een zelfde geschiedenis is die van geheel Auvergne; bij de +verwisseling van de overmacht der geestelijken heeren tegen die van den +adel kwam de bevolking altijd van den regen in den drop; dat dit tot +het einde der 18de eeuw heeft kunnen duren, mag ons eenige verwondering +baren, omdat het bij ons meer geleidelijk is gegaan, en daarom bij +ons dan ook het overgangstijdperk niet zoo heftig is geweest. + +Museums zijn er te keur in Clermont, maar er worden geene groote +merkwaardigheden in bewaard, en daarom ging ik ze voorbij. Op den +Cours Sablon bewonderde ik de fontein van Amboise, een keurig monument +uit de 16de eeuw, bestaande uit een achthoekigen staander, die in +een kleine gotische lantaarn uitloopt. Zij heeft twee bassins boven +elkaar, keurig in steen gebeeldhouwd. Het is een sierlijk stuk werk. + +Het middenpunt van verkeer is de Place de Jaude, een ruim plein, +versierd met een ruiterstandbeeld van Vercingetorix in steen en een +bronzen standbeeld van generaal Dessaix. Het uitzicht op den Puy +de Dôme, dat men van dit plein heeft is opmerkelijk mooi. Behalve +het monument "du Centenaire", dat men bijna in elke fransche stad +van eenige beteekenis heeft, is er nog een standbeeld van Blaise +Pascal: de beroemde schrijver is geplaatst in een bloemrijk parkje, +in smaakvolle omgeving. + +De cathedraal, in 1248 begonnen, is in zuiver gothischen stijl, +maar maakt geen indruk; ze werd gerestaureerd door Violet le Duc en +is van buiten geheel in donkere Auvergne-steen. 't Inwendige is kaal; +de mannen der revolutie hebben ook daar huisgehouden. Het beeldhouwwerk +is ook niet bijzonder. De gothische stijl is in Auvergne nooit gewild +geweest, wellicht omdat hij opkwam toen het land in oorlogen gewikkeld +was. De romaansche stijl kwam er vroeger, in voorspoedige dagen, tot +hoogen bloei, en een keurig voorbeeld is de Nôtre Dame du Port, een +juweel van bouwkunst, thans verscholen in onaanzienlijke straten en +staande in eene diepte,--en met alle juwelen dit gemeen hebbend, dat +de leek in de bouwkunst het schoone er van begrijpen en genieten kan. + +Wat is nu het bijzondere dier romaansche bouwkunst? Natuurlijk zou +daar niet zoo bijzonder bij stilgestaan worden, indien de schrijver +niet eene bijzondere voorliefde voor dien bouwstijl had. Eene +voorliefde te omschrijven is moeielijk, maar 't kwam mij altijd +voor, dat die uiting der kunst in de middeneeuwen zoo beminnelijk +eenvoudig was; dat zij alles gaf wat men toen kon daarstellen, en +nooit naar kunstmiddelen van verdacht gehalte zocht, om 't geen men +zich toch wel bewust was dat er aan ontbrak te bedekken. Dat werd in +latere tijden wel eens over 't hoofd gezien, en men verkreeg daardoor +gebouwen die niet bevredigen. De romaansche bouwstijl uitte zich het +meest volkomen in de kerken, en werd daarin ook het best bewaard. In +den eersten tijd van het Christendom was de grondvorm van alle kerken +een langwerpig vierkant [1]; de binnenruimte werd door twee of meer +rijen van pijlers in drie of meer afdeelingen (beuken) overlangs +verdeeld. De wanden werden versierd met kleuren en figuren; het dak +was een gewoon schuin dak, zooals men zich dat in den eenvoudigsten +vorm op ieder huis denkt; de dakgebinten waren gewoonlijk geheel +zichtbaar. Van die monumentale kerken--men noemde ze "basilica"--zijn +nog enkelen uit dien vroegeren tijd over in Klein-Azië, maar vooral in +Italië; te Rome nog uit den tijd van keizer Constantijn. Later in de +middeneeuwen, en wel tijdens en onmiddellijk na Karel den Grooten, +ontwikkelde zich voor de kerken een nieuwe bouwstijl; hij had de +oud-romeinsche kunst tot grondslag en ontleende daaraan zijn naam +"romaansch". Een zijner voornaamste kenmerken, de ronde bogen, +werd uit de romeinsche bouwkunst overgenomen. + +In plaats van het langwerpig vierkant kreeg nu de kerk den vorm van +een kruis. De korte bovenarm werd het koor; de zijarmen heetten het +transept; de lange arm het schip. Aan weêrszijden van het schip waren +zijgangen, evenals in de basilica, alleen er van afgescheiden door +kolommen. Langs het transept en het koor werden spoedig kapellen +bijgebouwd; later werden de zijgangen ook om het koor heen gebouwd, +en nog weêr later ook om de zij-armen van het transept heen; overal +kwam daardoor langs die zijbeuken gelegenheid tot het aanbrengen +van kapellen. De ronde bogen werden niet alleen aangebracht boven +ramen en deuren, maar ook tusschen de pijlers; en de gewelven die +schip en koor en zijbeuken bedekten, in afwijking van het vroegere +schuine dak, waren ook rond; aanvankelijk zoogenaamde tongewelven, +later kruisgewelven, maar alles altijd half cirkelvormig. + +De krypten of onderkerken, die zich aanvankelijk alleen onder het +koor, later onder de geheele kerk uitstrekken, werden algemeen. De +ingangen tot die onderkerken zijn meestal naast het koor. De krypten +zijn allen overwelfd; zij zijn zeer eenvoudig gehouden, met wel de +soberste versiering die men zich denken kan: een enkel gebeeldhouwd +kapiteel aan eene kolom. Maar dat is dan ook alles. + +De torens waren aanvankelijk achthoekig en laag, geplaatst boven de +vierkante ruimte waar de armen van het kruis elkander snijden. Bij +latere kerken komen ook torens voor aan weerszijden van den ingang, +en die ingang was dikwijls uitgebouwd en daksgewijze afgedekt, of tot +een karakteristiek klokkentorentje opgetrokken. Was eene romaansche +kerk inwendig arm aan versieringen, des te meer werk werd er gewoonlijk +van den ingang gemaakt. + +We hebben dus, in afwijking van het vroegere, een kerk in kruisvorm +en eene overspanning door gemetselde gewelven, waar in de vroegere +kerken de bedekking eenvoudig uit een gewoon schuin dak bestond, +iets dat trouwens bij de romaansche kerk als buitenste afdekking +bleef bestaan, 't Spreekt van zelf dat bij de uitsluitende toepassing +van halfronde bogen en gewelven, de kerken altijd wat lager bleven; +zoodra men in later tijd voor goed had bevonden, dat een gemetselde +boog ook spits kon toeloopen en dientengevolge ook spitsbooggewelven +gebouwd konden worden, werd de vorm der gebouwen ook slanker; en toen +er eenmaal slankere kerken ontstonden, maakten de vroegere den indruk +van plomp en gedrukt te zijn. De bouwmeesters in Auvergne hebben dat +niet kunnen overwinnen; langs den Rijn en in Engeland waren ze in +dat opzicht wat gelukkiger. + +Er zijn nog meer bijzonderheden aan den toenmaligen bouwstijl +eigen. Bijv. de kolommen, die de zijbeuken van het schip scheiden, +zijn nooit allen gelijk, maar om den anderen werd eene doorloopende +zuil geplaatst. De versieringen aan de kapiteelen en den voet der +kolommen waren allen hoogst eenvoudig en steeds weinig uitspringend, +de groote muurpanden die ontstonden boven de halfronde bogen waren +vlak en later dikwijls beschilderd. Na de 12_de_ eeuw kwam de tijd +der spitsbogen; de bouworde bleef in hoofdzaak romaansch, maar de +nieuwe bogen kwamen steeds meer op den voorgrond en de wijze van +constructie der gebouwen moest dientengevolge gewijzigd worden; +gedurende een betrekkelijk lang tijdperk kreeg men een gemengden +stijl. De bouwmeesters zochten naar verbetering en brachten allerlei +versieringen aan, waaruit ten laatste de gothische stijl ontstond; +deze ontwikkelde zich uit het romaansch, zooals het romaansch zich uit +het romeinsch ontwikkeld had, maar nam weer van zijnen voorganger over. + +In Auvergne waren weinig overblijfselen van romeinsche bouwkunst; in +het naburige Provence en elders juist veel; de Auvergnaten konden dus +minder van de romeinsche voorbeelden overnemen, en zoodoende kregen +hunne gebouwen een bijzonder karakter; en dit te meer omdat zij, +arm aan voorbeelden, rijk waren aan goede bouwstoffen en daardoor een +anderen weg opgingen bij het versieren van hunne gebouwen. Al dadelijk +door verschillende steensoorten te gebruiken, sommige glad, sommige +poreus, dan weer van verschillende kleuren, die zij alle in hunne +bergen voor het nemen hadden. Het bijzonder karakter der monumenten in +Auvergne moet dus meer beschouwd worden als een gevolg van bestaande +toestanden, dan wel als de gewilde uitkomst van eene kunstschool. + +De Notre-Dame-du-Port beantwoordt geheel aan de gegeven algemeene +trekken van den romaanschen bouwstijl. De geheele kerk is overwelfd, de +zijbeuken zijn door halve tongewelven gedekt. De kapiteelen der zuilen +dragen als versiering bloemen, fantastische voorstellingen van dieren; +enkele dragen menschelijke figuren met opschriften. Prachtig is dit +beeldhouwwerk niet; de beeldhouwers in Auvergne stonden niet zoo hoog +in kunstvaardigheid als de bouwmeesters; maar de kinderlijke eenvoud +der voorstelling houdt gelijken tred met de wijze van uitvoering, +en maakt een zeer aangenamen indruk. De muurvakken zijn alle wit; +hier en daar zijn met zachtgekleurde steenen figuren aangebracht, +geen van alle buiten het vlak der muur uittredende. Eene ruit, +een vierkant, een cirkel, een kruis, een klaverblad, alles in +heerlijken eenvoud, maar aardig doende in die stemmige omgeving. De +buitenmuren van het schip vertoonen kleurige figuren, verkregen door +het inmetselen van verschillende steensoorten. De kerk is gebouwd +in de 11de en begin der 12de eeuw. De hoofdingang is eene dubbele +deur, door een gebeeldhouwden stijl gescheiden. Aan de zuidzijde is +nog een ingang, met aan weerszijden groote figuren in laag relief; +het halfcirkelvormige boogschild boven de deur (het tympaan) is rijk +met kleine figuren voorzien; jammer genoeg zijn deze wat geschonden. + +De Notre-Dame-du-Port te Clermont, de kerk te Issoire en die te Orcival +zijn de fraaiste typen van den romaanschen stijl in deze streken. + +Er zijn te Clermont twee versteenende bronnen, die de moeite van +een bezoek overwaard zijn. Het bronwater bevat veel koolzuur en kan +daardoor eene groote hoeveelheid ijzer- en kalkverbindingen opgelost +houden. Zoodra het koolzuur aan de lucht ontsnapt, slaan de ijzer- +en kalkzouten neer; van deze eigenschappen heeft men gebruik gemaakt +tot het vervaardigen van aardige voorwerpen. Men voert het water door +buizen, waarin men er eerst zoo veel mogelijk het ijzer aan ontneemt, +en laat het dan als regen neerkomen op de voorwerpen die men versteenen +of, beter gezegd, met eene kalklaag overdekken wil, zooals mandjes met +vruchten, druiventrossen, vogelnestjes met eieren, enz. De uitkomst +is inderdaad verrassend. In de tuinen om de bronnen heen zijn allerlei +versteende wonderen tentoongesteld; menschen, vee, paarden; natuurlijk +waren het poppen of opgezette exemplaren, en daar nu het verkalken van +dergelijke voorwerpen langen tijd vordert en op de eene plaats al wat +dikker uitvalt dan op de andere, winnen de voorwerpen niet in losheid +en natuurlijkheid, 't Kwam mij voor, dat deze reeds van af de straat +zichtbare lokvogels wel wat al te veel van een boerenkermis hadden. + +Eene andere merkwaardigheid van Clermont-Ferrand is niet daar, maar +te Mont-Ferrand te vinden, dat ongeveer drie kwartier van de stad +ligt. De tramrit er heen geeft weder een verrassend mooi uitzicht op +den Puy de Dôme. Mont-Ferrand is een stadje van 3500 inwoners, dat men +alleen bezoekt om enkele oude huizen te zien. Het huis _l'Elephant_, +aldus genaamd naar een geschilderden dikhuid boven een der ramen, +dagteekent waarschijnlijk uit de 12_de_ eeuw. Het huis _Adam_ en _Eva_, +naar een gevelsteen. Het huis van den apotheker is, evenals het vorige, +uit de 16_de_ eeuw; de eerste verdieping is in steen, de twee volgende +in houten vakwerk, telkens boven elkaar vooruitspringend; boven in den +topgevel zijn een paar beeldjes aangebracht, die aan het huis zijn +naam gaven. Er zijn nog verscheidene andere merkwaardige huizen, 't +eene bekend om een deur met keurig smeedwerk, 't andere om eene aardig +versierde binnenplaats; dan weer een met een fraaie wenteltrap. Jammer +is het dat van instandhouding geen sprake is. Die huizen zijn thans +alle in gedeelten door kleine neringdoenden bewoond, en inzonderheid de +binnenplaatsen en wenteltrappen van eene ongeëvenaarde onzindelijkheid +en in diep verval. + +Met het bezichtigen van dit alles bracht ik den eersten dag door. Den +volgenden ochtend vroeg zou ik uitgaan op eene wandeling in den omtrek +en de bestijging van den Puy de Dôme. Daartoe wenschte ik, gelijk ook +voor de verdere reis, eenige nadere inlichtingen te hebben en begaf me +naar het kantoor van het "Syndicat" (Vereeniging ter bevordering van +het vreemdenverkeer) van Clermont. Al mijne vragen werden voorkomend +en beleefd beantwoord, en de inlichtingen bleken naderhand geheel +juist te zijn. Kaarten kon ik niet koopen, maar men gaf mij 't adres +van den besten winkel voor die zaken op. Doch eene fout mag ik niet +onvermeld laten. Men ontraadde mij een diligence-rit over Beaumont +naar Montdore, en beval mij aan om per spoor tot Issoire en van +daar per diligence naar Montdore te gaan. De beide routen zijn goed, +maar 't bleek me later op de diligence, onder een vriendschappelijk +gesprek met den koetsier, dat de aanbevolen rit eene onderneming van +het Syndicat was, en de rit over Beaumont eene van een mededinger +te Montdore. 't Is te betreuren dat zulke syndicaten zich niet +buiten dergelijke ondernemingen houden; zij verliezen daardoor +het zoo hoog noodige onzijdig karakter. Onder het gesprek met den +beambte van het syndicat bleek mij ook, dat voetreizigers hier tot +de uitzonderingen behooren; in den tijd der auto's krijgen ze een al +te sterke ouderwetsche tint. Ik ontmoette dan ook op den geheelen +tocht geen collega's en in de meeste hotels (herbergen) werd ik +duidelijkshalve als "le Touriste" aangeduid. + +Behoorlijk uitgerust met eene kaart, uitgave van het Ministère de +l'Intérieur, toog ik er den volgenden ochtend op uit; van Clermont den +weg naar Royat op, naar Chamalières en van daar langs voetpaden naar +Villars. De omgeving was mooi, maar de wegen waren ongemakkelijk en +hier en daar bitter slecht onderhouden. Gunstig stak daarbij af een +deel van eene oud-romeinsche heerbaan, die me tot Villars bracht; +het is een stuk van den ouden weg van Clermont naar Limoges. Aan +weêrskanten een flink verhoogd voetpad; de rijweg belegd met regelmatig +behakte, langwerpig vierkante lavablokken, trots de eeuwen van zijn +bestaan nog een voorbeeld hoe wegen gelegd moeten worden. Van Villars +loopt het pad verder over La Baraque, maar men kan ook door het dorpje +Cheix gaan, al naar dat de vele kronkelingen er u heenleiden. Ik trof +onderweg een vriendelijk oud vrouwtje uit Cheix aan, die mij in de +hitte niet verder wilde laten gaan, eer ik bij haar eene verfrissching +had gebruikt. Na Cheix heeft men nog een aardig kijkje op het dorp +Orcines en gaat dan over den straatweg voorbij het kruispunt Le Font +de l'Arbre naar den Col de Ceyssat. Gedurende die wandeling heeft +men den Puy de Dôme steeds rechts voor zich en begint het hoe langer +hoe duidelijker te vinden hoe hij aan dien naam kwam. Op den Col de +Ceyssat staan een drietal herbergen, die zich alle drie met den naam +van hotel tooien, en waar men u keur van maaltijden aanbiedt. Men +heeft dan nog 432 M. te klimmen, en hoe de meeste reizigers er toe +komen om daar eerst een dejeuner te gebruiken voor men met klimmen +begint, wilde mij niet recht duidelijk worden. + +Het pad naar den top (1465 M.) is vol afwisseling en een aangenaam +bergpad. Eerst door weiden, spoedig in dennenbosch, om later wat +steiler, over en langs rotspartijen, boven te komen. De uitzichten +worden bij elke kronkeling in het pad mooier, en hier en daar is voor +eene bank gezorgd. Men krijgt spoedig den indruk dat geen der bergen +daar hoog is, het uitzicht gelijkt meer op eene vlakte met heuvels. + +Bij Villars was ik reeds langs eene _cheire_ gekomen; dat zijn +oude lavastroomen, die, nog onverweerd, volkomen onvruchtbaar +bleven. Wanneer men er zoo van boven opziet en de kronkelingen +waarneemt,--de gladde, bruinroode oppervlakte spiegelt zelfs hier en +daar in de zon,--dan krijgt men eerst voor goed den indruk van zoo'n +lavastroom, en heeft men een voorproef van de vele overblijfselen +van het vulkanisch tijdperk in Auvergne. Hier en daar langs het +pad ziet men ook rotsblokken op en door elkaar, die u doen denken +aan uitgebrande steenkoolslakken. In deze omgeving maken ze echter +meer den indruk van merkwaardig grillige vormen, dan van vulkanische +overblijfselen. + +Boven op den Dôme is ook eene cantine, waar het eenvoudige maal zeer +goed smaakt. + +Op het hoogste punt staat het meteorologisch observatorium, dat als +eerste plaats van waarneming van dien aard in Europa, in 1876 ingewijd +werd. In 1648 had de Puy de Dôme reeds gediend om uit het verschil +in hoogte van eene kwikkolom den druk der atmosferische lucht aan +te toonen. Périer nam de proef op verzoek van Pascal. Nu bevindt er +zich, in ruime gebouwen, de meest volkomen inrichting tot het doen +van allerlei weerkundige waarnemingen. Het merkwaardigste van den +Puy de Dôme is echter de tempel van Mercurius, helaas wat te veel +een bouwval. Hij werd in 1874 ontdekt, toen men begon te bouwen +aan het observatorium. Eene heerlijke plek hebben die romeinsche +bouwheeren uitgezocht; het moet een treffend gezicht zijn geweest van +uit de vlakte, toen die gebouwenmassa zich daar verhief. Mij dunkt, +de bewoners van het dal hadden in de oude dagen grootscher uitzicht +op dien heidentempel daarboven, dan wij nu hebben van de hoogte af +op de cathedraal van Clermont, wier fijne omtrekken door den afstand +geheel verdwijnen, en wier twee slanke torens maar een onbeduidenden +indruk maken. + +Van den Puy de Dôme heeft men een prachtig uitzicht op het hoogland van +Auvergne; de Franschen noemen het met groote ingenomenheid "une des +plus curieuses du monde". Zonder hen dit na te zeggen, want de heele +wereld heb ik niet gezien, geef ik hun gaarne toe dat het bijzonder +mooi is. 't Geen er vooral aantrekkelijk van is, is het neerzien op de +uitgebrande vulkanen van de bergketen, met hunne kraters, zoo duidelijk +zichtbaar, en op de zoo even reeds besproken lavastroomen. De geheele +vlakte van Limoges ligt voor ons, noordwaarts schijnt zij onbegrensd; +naar het oosten toe loopt ze op tegen de hoogten van Forez. Men zegt +dat bij gunstig weder de Mont-Blanc van hier zichtbaar is,--maar ik +had het genoegen niet. In het Zuid-oosten de bergen van Livradois +en de ketens van Velay. Zuidelijk de omtrekken van de Mont-dores en +westelijk de granietruggen van Limousin. Noordwaarts omlaag ziende, +heeft men vlak aan zijne voeten een ouden krater, de Nid de la Poule; +rechts den Puy de Dôme, de groote en de kleine Suchet, en weêr meer +links den Puy Pariou en den Puy des Gaules, waarvan men duidelijk de +vroegere krateropeningen waarneemt. Men denke zich echter daarbij geen +woest tafereel en geene wildernis; de vulkanen zijn allen met gras +begroeid, hier en daar met boschpartijen; de valleien zijn akkers en +de kraters vruchtbare weiden. Dat men aan een dier kraters den naam +van het hoendernest gaf, komt zeer begrijpelijk voor. De wetenschap +kan hier van vulkanen en kraters spreken; de toerist heeft voorloopig +nog het geloovig toekijken. + +Ik bleef nog lang boven, om goed thuis te komen in de verschillende +toppen en hunne onderlinge ligging. + +Bergafwaarts volgde ik denzelfden weg tot aan Le Font de l'Arbre, +maar stak daar den straatweg over in de richting van Fontanat, +een schilderachtig dorpje, waar ik geene levende ziel tegenkwam en +daarom met te meer aandacht de aankondigingen van het gemeentebestuur +las, voorschrijvende dat men rechts moest loopen en dat rij- en +voertuigen niet draven mochten. Waarschijnlijk maakte die gemeente zich +weerbaar tegen auto's. Voorbij Fontanat werd de weg zeer lommerrijk +en in de nabijheid van Royat, langs de oevers der Tiretaine, zeer +schilderachtig; hier en daar watervalletjes, prachtige boomgroepen, +kastanjes vooral, frissche boomgaarden, heerlijk groen en diepe +schaduw. + +Royat is een der sierlijkste badplaatsen van hoog-Auvergne. Van +Fontanat afdalende, komt men eerst in de oude stad, beroemd om zijne +vestingkerk. Omstreeks de 13de eeuw werd zij tot eene versterking +omgebouwd, iets dat men toen meer deed. Een zonderling gezicht zoo'n +kerk met schietgaten en kanteelen boven het dak uit. Men had vooral +die versterkingen geheel gerestaureerd, en nam daartoe de steensoort +waaruit de kerk indertijd opgetrokken was, een materiaal dat men +in den naasten omtrek nog voor 't grijpen had. Mij scheen het toe, +dat de ligging der kerk haar weinig tot verdedigingspunt eigende, +en ik voelde de booze verdenking bovenkomen, dat hierbij meer +aan de fantasie van den bouwmeester gedacht moest worden, dan aan +den drang der omstandigheden. Ook de steenen der restauratie waren +fantastisch, want ze waren nog niet met het stof der eeuwen overtogen, +en vertoonden nog de grillige vlammen van pas uitgehakte lava. Dat +ontnam aan 't geheel de stemming. Het nieuwe Royat, de badplaats, +is zeer sierlijk en vol levendig en weelderig gedoe, maar heeft geen +bijzonder karakter. Ik keerde per tram van Royat naar Clermont terug. + +De volgende dag was bestemd voor den tocht naar Montdore; eerst per +trein tot Issoire, en dan per diligence (_car alpin_)naar Montdore. De +reis was te ver om te voet te worden afgelegd. + +Van plaatsbeschrijvingen van streken die men per spoor doorvliegt, +ben ik geen vriend. De snelheid waarmede 't eene 't andere opvolgt +kan in den regel niet dan verwarde algemeene indrukken geven. Daarom +slechts de vluchtige opmerking, dat de weg schilderachtig is, vooral +wanneer men de rivier de Allier kruist of op korten afstand de oevers +volgt. Bij de stadjes, die men langs komt, heeft men nog eene sierlijke +hangbrug over de rivier. Men komt voorbij Vic-le-Comte, voorheen de +hoofdplaats van Auvergne, waar de bloedigste tafereelen uit zijne +middeneeuwsche geschiedenis afgespeeld werden. Dan voorbij Coudes, +met bouwvallen van abdijen en kasteelen, verlaat dan de Allier weder +en komt in de vlakte van Issoire. 't Speet me zeer, dat ik geen tijd +had om te Issoire de groote kerk te gaan zien, die veel overeenkomst +heeft met de Notre Dame du Port te Clermont, doch deze in afmeting en +versiering overtreft, maar de car alpin waarmede ik naar Montdore zoude +rijden, staat aan 't station klaar, en hoewel de postillon op de vraag +of er plaats was, antwoordde dat er alleen gebrek aan reizigers was, +werd de reis met groote overhaasting aanvaard. + +Een plaatsje naast den postillon werd door mij ingenomen, en spoedig +vernam ik van hem, dat ik maar 10 K.G. bagage vrij had, en dat mijn +handkoffer wel meer zoude wegen, maar dat hij zoo onheusch niet was, +om daar dadelijk op 't kantoor over te spreken. Alweder het oude type, +door dezen jongen man ten tooneele gevoerd; in één opzicht evenwel +verschillen die heeren daar, van het bij ons inheemsche soort. Zij +staan in de eerste plaats op den titel van postillon; koetsier is hun +wat min. En dan, ze zijn wondergraag met monsieur aangesproken. Dat was +me al meer opgevallen, een tramconducteur hoort ook gaarne monsieur, +ze laten dit spoedig merken; en wanneer men den koetsier van eene +car alpin of gewone diligence maar altijd met monsieur aanspreekt, +dan behoeft de fooi later nog niet eens zoo heel ruim te zijn, om op +voorkomendheid, ook aangaande het overwicht van den koffer te kunnen +rekenen. Niet dat die vrienden hooger geacht willen worden dan zij +zijn, maar ze zijn gaarne even hoog als ieder ander. + +Bij het verlaten van Issoire stijgt de weg westwaarts langs den +linkeroever van de Causse d'Issoire. In 't verschiet teekenen +zich de omtrekken der Dore-bergen tegen den gezichteinder; rechts +verheffen zich de wanden der hoogvlakte van Pradines als muren steil +omhoog. Links enkele bergspitsen. Die steile wanden der hoogvlakte +van Pradines vertoonen op den rand de eerste vulkanische vorming +van eenigen omvang die ik nog zag; die bovenranden bestaan alle uit +rotsblokken, blijkbaar in vuurgloed gevormd; het zijn uitgedoofde +slakken in de grilligste gedaanten en van reusachtige afmetingen. Wat +verder, voorbij het dorpje Perrier, ziet men in de wanden vierkant +gehakte gaten; het zijn de overblijfselen van vóórhistorische woningen, +waarvan eenige nog bewoond worden door de gezinnen der bewakers van +de wijnbergen. Daar is ook eene pyramidaal omhoog gaande rots, die +te meer de aandacht trekt omdat er een torentje op gebouwd is; 't is +thans een bouwval, die toren van Maurifolet, en men kan hem volgens +de inlichtingen van mijnheer den postillon alleen bereiken door een +inwendig in de rots uitgebroken wenteltrap. De weg loopt overigens +tot St. Nectaire door eene zeer welvarende streek. De gedeeltelijk +ingehaalde oogst was van goede hoedanigheid en meestal tarwe. Ik +zag er verscheidene kweektuinen voor druiven, met opschriften dat +er puike gezonde stekken uit Californië, Australië en meer afgelegen +oorden te krijgen waren. De druivenziekte schijnt daar dus onder de +inheemsche boomen sterk huis te houden. Er werd veel geploegd, eene +zeer ondiepe voor, en 't trok mijn aandacht dat op dien vetten grond de +ploeg altijd maar met ééne koe--en 't vee is er niet zwaar--bespannen +was. Waarschijnlijk kon dit, omdat de grond sterk gemengd was met +lavagruis, en daardoor wat losser. Eigenaardig was het hanteeren +van den ploeg. Bij den kop der koe eene vrouw met een langen staak, +waaraan een platte beitel; daarmede stak zij voortdurend de vette +klei van de eene zijde der ploegschaar af en maakte daartoe met den +staak steeds een zwaai boven haar hoofd. De man die den ploeg stuurde, +verrichte bovendien dezelfde zwaai-beweging, om met zijn staakbeitel +de ploegschaar aan de andere zijde te bevrijden. Wanneer men dat werk +zoo aan den gang ziet, kan men zich aanvankelijk dat zotte gezwaai +met die staken niet verklaren. + +Na een rit van 4 uur kwamen we te St. Nectaire, waar twee uur stil +gehouden werd voor het middagmaal. Ik liet mijn koffer doorgaan naar +Montdore en besloot het overige van den weg, nog 28 kilometer te voet +af te leggen en tevens St. Nectaire wat nader te bezien. We waren +te St. Nectaire-le-bas aangekomen, dat geen dorp is maar alleen eene +bad-inrichting, waaromheen hotels. Zijne bijzondere merkwaardigheid is +een _dolmen_, een steen van 4 M. lang en ruim 2 M. breed en 70 cM. dik, +rustende op drie steenbrokken; eenige schreden van daar vindt men +nog eene verzameling geplante steenen, die geheel den indruk geven +van een verwoest hunebed. + +Men vindt er verder ook eene grot met versteenend water, en +verder doorgaande, steeds langzaam stijgend, ziet men spoedig +St. Nectaire-le-haut sierlijk tegen een berg aangeleund, en op den top +van dien berg de fraaie kerk, een merkwaardig monument uit de 11de en +12de eeuw, in 1878 geheel gerestaureerd, met twee stompe torens aan +de voorzijde en een achthoekigen op het kruis. De gewelven rusten +ook hier niet alleen op gemetselde pijlers, maar bij afwisseling +op kolommen, en de versiering der kapiteelen is zeer opvallend; op +een er van komt de kerk zelf voor. In de sacristij bewaart men een +allermerkwaardigst beeld van St. Bauduin, van eikenhout, bekleed met +verguld koper; het hoofd en de hals van gedreven koper, met beweegbare +oogen van ivoor en hoorn. Al verder stijgende komt men te Boissières, +gebouwd op vulkanische gesteenten, waarin men hier en daar ook weder +holenwoningen ziet; dan weder afdalend in het dal der Couze, met een +zeer kale _Cheire_, zoo troosteloos als ik er nog geene zag, en dan +Murols, een smerig dorp, bekend om de prachtige bouwvallen van zijn +kasteel, thans eigendom van het departement. Sommigen schrijven deze +bouwvallen een zeer hoogen ouderdom toe, anderen gaan niet verder terug +dan de 15de eeuw. Ze staan op een bazaltheuvel van 729 m. hoogte, +en zijn een der merkwaardigste overblijfselen van den franschen +vestingbouw in deze streken. Een bewaarder vraagt u 50 centimes +toegang, maar laat u overigens vrij. Eerst komt men in een kring +van vestingwerken op eene ruimte, die het geheele kasteel omringt, +dan leidt een steil pad omhoog, en ziet men bij eene poort naast den +grooten toren twee romaansche kapelletjes, één uit de 11de en een +uit de 12de eeuw, tegen elkaar gebouwd. Het kasteel is dus om die +bestaande kapelletjes heen gebouwd, of het is zelf van nog ouderen +datum. De eigenlijke kasteelpoort is uit de 15de eeuw, en uit dien +tijd stammen ook de vestingwerken. Er is nog een klein gebouw, dat er +wat vroolijker uitziet en uit lateren tijd dagteekent. Het beklimmen +van den toren is zeer aan te raden, om het goede overzicht over het +geheel der gebouwen en om het prachtige uitzicht op den omtrek. + +Voorbij Murols krijgt men een boschrijk dal, zoo bezaaid met +vulkanische brokken, dat men haast zou gaan denken aan eene +vóórhistorische verzameling van slakken-steenen; dan bereikt men +spoedig het verrukkelijk gelegen meer van Chambon, een waterplas van +ongeveer 60 hect. ter diepte van bijna 6 M., op 880 M. hoogte. Men +beweert dat dit meer gevormd is door een lavastroom, neerkomende +van den Tartaret, die de Couse afdamde. De oppervlakte vermindert +voortdurend; naar men zegt ontsnapt het water door spleten die in den +lavadam ontstaan. Spoedig zal dat meer echter nog wel niet verdwijnen, +en nog menigeen zal zich in de allerbekoorlijkste ligging kunnen +verheugen. Op den achtergrond ontwaart men de allergrilligst gevormde +rotsen van den Dent du Marais. Voorbij het meer krijgt men een prachtig +uitzicht op het dal van Chaudefour, en het dorp Chambon naderende, +ziet men eerst op het kerkhof eene kleine romaansche grafkapel, zoo +eerlijk en zuiver van stijl en zoo goed bewaard gebleven als maar +mogelijk is; zij dateert uit de 11de eeuw en wordt in de wandeling +zeer oneigenlijk het Baptistère genoemd. + +Chambon is niet groot en niet zindelijk, maar aan de samenvloeiing +der Couze en der Surain zoo schilderachtig gebouwd, en zoo allerliefst +tusschen de boomen gelegen, dat men de onzindelijkheid spoedig vergeet +en besluit den maaltijd maar elders te nemen, om hier zijne oogen +met toenemenden lust te gast laat gaan. Alles is bij het bouwen aan +het toeval overgelaten, maar daaruit is een geheel ontstaan, dat de +bouwers niet droomden en niet bedoelden. De huizen op zichzelf hebben +niets bijzonders, maar het geheel aan de beide stroompjes en onder +het hout is bekoorlijk. + +Van Chambon gaat het verder door het diepe dal van de Surain, overal +met dennenbosschen bedekt, met groote slingers omhoog tot aan het +gehucht Bressouleille. Ditmaal is het een gelukkig verschijnsel als +de wandelaar wat moede wordt, want bij het rusten is de klimmer altijd +geneigd om eens achteruit te zien hoe hoog hij al gekomen is; en juist +achteruit zijn hier de heerlijkste vergezichten. Een kleine bergstroom, +de Diane, ziet men van val tot val vooruit springen, en zijnen loop +volgende krijgt het oog een prachtig rustpunt in het meer van Chambon +en op zijne mooie omgeving. Het is van deze hoogte bijna nog mooier, +dan wanneer men aan de oevers staat! Van Bressouleille gaat het al +maar met groote slingers over eene hoogvlakte, dan door weiden, dan +door bosschen omhoog; verderop is de weg uitgekapt in de wanden van +den Puy de la Croix Morand; 't landschap wordt eentonig en somber, tot +men op den bergrug komende, den Col de Diane (1360 M.) bereikt en, na +zich eene korte wijle verheugd te hebben in een effen weg, op eenmaal +het prachtige dal der Dordogne voor zich heeft. Men ziet de badplaats +Bourboule in de verte, de meren Guéry en La Roche-Tuillière, hoewel op +grooten afstand, bijna aan zijne voeten. Nu met korte slingers snel +omlaag; in de weiden, voor 't eerst op deze reis, tal van bloemen; +om een rotsachtig voorgebergte heen, en daar ligt het vriendelijke +Mont-Dore voor u. + +De wandeling was aangenaam geweest; de afwisseling groot en de laatste +verrassing: het uitzicht op het dal der Dordogne, zette de kroon op +het werk. Daar kon wel een tegenvaller op overschieten, en die kwam +ook. Ik vraag u, wat heeft een voetreiziger met den ransel op den +rug te verwachten, wanneer hij daar zoo om licht en donker in eene +fransche modebadplaats aankomt? Ik stapte naar het Hôtel des Etrangers, +waarvoor ik eene aanbeveling had van het Syndicat te Clermont,--maar +'t was precies of men dacht dat ik niet eerlijk aan die aanbeveling +gekomen was; ik kon ternauwernood eene kamer krijgen, en toen mij +die niet beviel, was 't nagenoeg heel en al mis. Niet prettig in eene +plaats die ik wist dat overvol was! 't Is mij eerst aan 't einde van +mijn verblijf aldaar mogen gelukken, de madame een anderen indruk te +geven; een reiziger die, met zijne spoorwegbiljetten in den zak, toch +te voet het land doorkruist, is iets dat buiten den gedachtenkring +van die menschen ligt. + +Le Montdore is een plaatsje met slechts 1866 inwoners, maar een +zeer druk bezochte badplaats; het ligt aan het einde van het dal +der Dordogne, die niet ver van de plaats haar oorsprong neemt. Twee +beekjes vloeien uit de bergen, de Dore en de Dogne en vereenigen +zich ongeveer een uur boven de plaats. De achtergrond van het dal +wordt gevormd door de donkere spitse uitloopers van den Puy de +Sancy. De omgeving van het bad is weelderig; groote, rijke hotels, +een aardig park en een casino, dat voor iedereen toegankelijk is; +maar de weelderige omgeving is klein, en wat verder Montdore uitmaakt +is meer dan eenvoudig. De omstreken zijn mooi, maar alléén gezonden +kunnen ze bereiken; de fraaiste punten zijn slechts met inspanning +toegankelijk. Een bergspoorbaantje komt hier aan tegemoet. Intusschen, +men behoeft slechts een avondbezoek aan het Casino te brengen om te +zien, dat er ook gezonden te Montdore verblijven, die langs allerlei +wegen hun tijdverdrijf zoeken. + +'s Morgens vroeg ging ik er weer op uit, en had het genot de +badgasten in de onmogelijkste costumes naar de thermes te zien +gaan; 't is grappig om te zien hoe men in badmantels nog mode kan +hebben! Versieringen aan die kleedij schijnen ook al een punt van +studie te zijn en aanleiding te geven tot eene "dernière création". Een +oude heer op klompen, in een badmantel met een sleep, naast eene +jonge dame met een mantel die heelemaal geen sleep had, terwijl zij +zich overigens vreemd toegetakeld had met eene prachtige badmuts en +zich een zeker cachet verschafte door in het vroege morgenuur eene +cigarette te rooken,--was wel 't koddigste van wat er zooal over de +Grande Place kwam. Ik ging met het bergspoortje als eenige passagier +naar boven, naar het Salon du Capucin, eene aardige uitspanning +onder prachtig hout; daar kocht ik van een kellner een courant van +den vorigen dag, en las daarin met alleraardigste schrijffouten de +namen van ons nieuwe ministerie. De kellner begreep er niets van, +dat ik in die oude courant zoo'n schik had. Van het Salon du Capucin +ging de weg, door een prachtig eiken- en mastbosch, langzaam omhoog +tot aan den voet van den Capucin, een rotsgevaarte dat daar steil +omhoog rees. Een pad er om heen brengt u aan de andere zijde, waar +een zachte helling het bestijgen gemakkelijk maakt. Van den top +(1463 m.) heeft men een goed uitzicht op Montdore, den Sancy en de +bergen van Bozat. Men vraagt u aan een herbergje aan den voet van den +Capucin 25 centimes voor het beklimmen. De meeste dier bergtoppen hier +zijn particulier eigendom, en worden aan kasteleins verpacht. Van de +herberg ging ik verder door in de richting van den Puy de Clièrgue, +die men voor zich ziet liggen en zoo over de kammen der bergen, +die doorloopen tot den Puy de Sancy, tot aan het Val de la Cour en +het Val de l'Enfer. Voor wandelaars, die niet gesteld zijn op een +paadje langs de diepte, is er nog een aangename weg om den top van +den Clièrgue heen,--maar hij is wat langer. + +De Val de la Cour ligt tusschen een kring van bergkammen; de bodem +is een keurig gebloemd grastapijt. De Val de l'Enfer is van de eerste +gescheiden door een scherpen bergkam; het dal is als 't ware uitgehold +in vulkanische gesteenten, niet altijd rotsblokken, maar soms ook +wanden van los op elkaar gestapelde vulkanische overblijfselen. De +wanden zijn bijna geheel ontdaan van plantengroei; het zijn naakte +rotsen, die den vulkanischen stempel op het aangezicht dragen. Dit dal +schijnt een der oudste kraters van den grooten vulkaan der Dore-groep +te zijn; uit den bodem steken hier en daar soms geheele muren op; +men noemt ze hier _dykes_. Dit landschap, dat den Val del Bove van den +Etna moet evenaren, is zeer schilderachtig, maar tevens buitengewoon +somber en draagt zijn naam met eere. Plantenkenners kunnen hier een +rijken oogst vergaren. Van uit den Val de l'Enfer kwam ik weêr in +het dal der Dordogne en zoo, langzaam aan, terug te Mont Dore. + +Langzaam aan, want het was drukkend warm dien dag, en in die enge +rotsdalen was geen schaduw en geen 't minste tochtje. 't Was daarom +eene aangename verrassing, 's avonds aan tafel te hooren vertellen dat +'t begon te regenen. Die regen hield aan en werd een wilde donderbui, +en verstoorde den dampkring dermate, dat ik er nog een dag later +pleizier van had. De volgende dag toch was bestemd om den Puy de +Sancy te beklimmen en langs de andere zijde over Vassivières af te +dalen tot Besse. + +Daar hadt ge 't alweêr: iemand die 's morgens vroeg uit zoo'n nette +badplaats per allereersten langzamen trein vertrekt, beteekent +niet veel; en ik moest naar het station om mijn koffer naar Bort te +verzenden. De hotelomnibus kon ik niet krijgen, en ik was al heel +blijde een der hotelknechts eene fooi vooruit te kunnen betalen, +waarvoor hij mijn koffer wel naar 't station wilde brengen. + +De regen had opgehouden, maar 't weêr was zoo zoel gebleven, dat ik mij +op allen tegenspoed voorbereidde. De wandeling ging aanvankelijk langs +den zelfden weg, die me gister terugbracht van den Val de l'Enfer, maar +ik had nu het genoegen van een waterval te zien, la cascade du Serpent, +een der waarteekens van Montdore, maar die den vorigen dag droog +was. Spoedig kwam ik onder hoog masthout; sierlijke boomen die bijna +allen den eigenaardigen woekervorm vertoonden van doorgeschoten takjes, +die als miniatuurboompjes loodrecht op de grootere takken stonden. + +Op 1200 M. hoogte houdt de straatweg op, en begint het gemakkelijke +slingerpad, dat tot bijna aan den top brengt. De bestijging was weinig +vroolijk, want o jammer! er kwam een dikke mist opzetten; ik liep in +eene wolk en bleef daarin tot bijna boven, toen het zachtjes begon te +regenen. Achter mij aan kwam een gezelschap, dat er erger aan toe was; +de lieden haddend en Puy de Sancy voor hunnen laatsten dag bewaard, +en moesten nu den zoo hoog geprezen weg, ten tweede-male afleggen, +zonder ook maar vijfentwintig pas van zich af te kunnen zien. Hoewel +we allen wisten dat het op den top niets beter zou zijn, bestegen +we toch moedig de spits (1886 M.); een slecht en door den regen +glibberig pad, waarvan de eenige deugd was, dat 't maar een kwartier +ver was. Spijtig! want van den top van den Puy de Sancy, den hoogsten +berg van midden-Frankrijk, moet men bij helder weder een wondermooi +uitzicht hebben, te aanlokkelijker voor mij, omdat daar de geheele +streek zichtbaar was, die ik van St. Nectaire af doorloopen had. + +Onder de treurigste voorteekenen zette ik aan de andere zijde van +den berg de reis voort. Er was langs de verschillende hellingen +maar één bergpad, en dat had ik te volgen. Aanvankelijk teekende dat +pad zich duidelijk, maar spoedig begon het in 't gras te verloopen, +en het regende zoo hard, dat elk spoor van een pad een beekje werd, +en dus geen weg meer te onderkennen was. Eerst had ik nog een paar +bergtoppen waar ik koers op kon houden, maar die gingen ook schuil +achter de regenwolken. Geen geluid van mensch of dier was te vernemen; +van tijd tot tijd meende ik de bellen van grazend vee te hooren, +maar dat geluid kwam ook al uit dat grauwe voorhangsel, dat evenveel +achteruit ging als ik vooruit. Dank zij de voortreffelijke kaarten, +die ik te Clermont gekocht had, en dank zij mijn zakkompas, kwam ik +echter goed terecht. Na een paar uur geloopen te hebben zag ik rechts +beneden mij een meer, volgens de kaart dat van Chauvet; toen moest ik +links van mij een alleen staanden berg, den Puy de Pailleret krijgen; +en dat kwam ook uit, en daar midden tusschen lag het dorp Vassivières, +maar dat kwam niet uit, en ik was dankbaar eene kleine schapenhoedster +te treffen, die mij vertelde dat het onnoozele kleine kerkje met +die drie kleine huizen er om heen, daar beneden ons, de beroemde +bedevaartsplaats Notre Dame de Vassivières was. Ik kwam ongeveer 600 +M. meer oostelijk uit, dan 't behoorde, en vergat onder dat geluk, +dat ik doornat was geworden. + +Hooger in de bergen waren de weiden, waardoor het pad heette te +gaan, nog al flink, maar lager werden zij van minder gehalte en waren +daarentegen sierlijk doorstreept met bloeiende heide; deze vriendelijke +plantjes zag ik daarna overal in Auvergne weer. Behalve dat waren er +opvallend veel donkere viooltjes en wilde anjers van een heldere kleur; +zij stonden in die armoedige omgeving zoo vriendelijk te bloeien, +dat ik een der dichters van het land begon te begrijpen, die zegt: +"men kan mij naar hartelust uitlachen, maar ik trap er nooit op ... 't +lijkt me of hun dat pijn zoude doen!" + +Zoo kwam ik dan te Vassivières. Het wonderdoende beeldje staat in een +bouwvallig kapelletje langs een voetpad; het is eene zoogenaamde zwarte +maagd. De hoogere waarde van dat zwarte heeft me niemand kunnen of +willen verklaren; het beeldje was van hout, en scheen me toe zwart van +ouderdom te zijn. De beeldsnijders uit die vroegere dagen in Auvergne +waren menschen van eenvoudige opvatting, en beeldden de moedermaagd +af als eene vrouw uit hunne omgeving, zoodat men de evenbeelden nog +overal en dagelijks ontmoet. + +Voor vele jaren had men zich verstout dat beeldje van Vassivières, waar +nooit voldoende gelegenheid was om de bedevaartgangers te herbergen, +tot hun meerder gemak naar Besse over te brengen. De overlevering +zegt, dat het beeld echter telkens weder des nachts naar Vassivières +terugkeerde. Om aan de daaruit ontstaande beroeringen een einde te +maken, besloten de gezaghebbenden het beeld des winters in Besse te +plaatsen en des zomers te Vassivières. De rust was hersteld, en zoo +geschiedt nog tot op heden. + +De herberg waar ik dien dag te Vassivières middagmalen moest, was het +huis van een kaaskoopman, wiens vrouw in den zomer de kaaspakhuizen +ontruimde en voor gelagkamers voor de bedevaartgangers inrichtte. Alle +kaas heet daar "St. Nectaire", en de gelagkamers getuigden van zijn +bijzonderen geur. De waardin had medelijden met mijn natte pak; +dadelijk werd het vuur opgestookt en werden mijn kleêren zooveel als +'t kon te drogen gehangen, terwijl ik achter den gloeienden kachel +plaats nam en mij, onder de bedrijven door, met woord en daad zag +aangetoond, hoe heerlijk mijn maal toebereid werd. + +Zoo'n huis daar is aardig ingericht, en bij veel grooter afmetingen +herinnerde het mij sterk aan de oud-saksische boerderijen in sommige +deelen van ons land. De stal voor 't vee is altijd klein; het vee wordt +gefokt of jong gekocht, in het voorjaar de bergen ingezonden en in +'t najaar verkocht. Men komt met de buitendeur in een ruim vierkant +vertrek; de voorkant, waarin de deur is, heeft ook de ramen. De zijde, +waar de kachel tegen staat, ook de provisiekamers, de beide andere +zijden bestaan geheel uit deuren, die ten deele bedsteden of kasten +zijn en de toegangen tot verdere ruimten, hier de kaasbewaarplaatsen, +of tijdelijk de gelagkamers voor de bedevaartgangers. Toen de waardin +de tafel gedekt had, vroeg ze mij of ik mineraalwater uit flesschen, +of bronwater wilde drinken; ze kon mij het "eau de la Vierge" zeer +aanbevelen, eensdeels om zijn goeden smaak en anderdeels om zijne +wonderdoende kracht. Twee der kinderen werden uitgezonden om eene +frissche kruik aan de bron te halen, en 't kwam mij voor dat de +bijzondere aanbeveling steunde op het fooitje dat de kinderen voor +dat dienstbetoon ontvingen. Het maal smaakte, niettegenstaande de +opvallend rustieke samenstelling, na den bergtocht heerlijk, en toen +de regen wat op begon te trekken, talmde ik nog wat om te zien of er +soms nog een zonnestraaltje doorkwam. En zie, het kwam! Eerste gevolg +aan mijn dronk "eau de la Vierge". + +Nog twee uur wandelens bracht mij te Besse, in het Hôtel de la +Providence. Na eene korte rust besloot ik dien avond nog de grotten +van Jonas te bezoeken. 't Werd wel een vermoeiende dag, maar den +volgenden dag had ik een gemakkelijke reis, en bij ongunstig weêr +was er eene diligence. + +De weg naar Cheix, waar die grotten zijn, gaat van Besse in een +eng dal omlaag; in de diepte heeft de Couse de Besse zich een weg +gebaand; zij dringt onstuimig met vele aardige watervallen tusschen +hare rotsachtige oevers voort. De overzijde is vooral dicht +hij de beek prachtig begroeid; de andere zijde levert een geheel +verschillenden aanblik. De eerste indruk is die van verbazing; de +steile berghelling is ontzettend ruw; groote en kleine rotsblokken +betwisten elkander hunne plaats; hier en daar bergpuin, waarin men +getracht heeft op aangelegde terrassen wijn aan te planten; maar alles +is verdord, en gedeeltelijk weer onder nastortend bergpuin begraven. +De kleur der rotsen is donker roodbruin; ze zijn allen in den vorm van +uitgesmolten slakken; er staan ruggen van steen uit de berghelling op +als reuzenhanenkammen, en die ruggen dragen ook de kenteekenen van in +vuurgloed gevormd te zijn. 't Is ontzagwekkend en somber. Men gelooft +in een heksen brouwketel beland te zijn en geen wonder, want we hebben +hier te doen met een lavastroom, die uit een der omringende Puys, of +misschien uit een verdwenen vulkaan naar dit dal vloeide. Het verloop +van eeuwen heeft hier nog weinig doen verweeren; wat hoogerop wel, waar +men tal van dorpen vindt in zeer vruchtbare omgeving. Bij een draai in +den straatweg heeft men een aardig kijkje op het dorpje Cheix met zijn +landelijk torentje en op het gehucht St. Pierre Colamme; iets verder +verheft zich op eens uit het groen de helling van den Puy St. Pierre, +waarin men dadelijk de grottenwoningen ontdekt. Deze woningen zijn +uitgekapt in de bazalttuf, waaruit de berg gedeeltelijk bestaat; ze +zijn tot 30 en 40 m. boven elkaar aangebracht; thans zijn er nog 60 +holen; door het voortdurend afstorten van den bergwand zijn er echter +veel verwoest en nog meer begraven. De holen zijn in een moeielijk +aan te wijzen tijdperk door menschenhanden gemaakt,--misschien zijn +ze wel uit het vóór-historische tijdperk,--en zij werden eeuwen lang +bewoond. De uitgekapte paden, die de verdiepingen onderling verbinden, +dagteekenen waarschijnlijk uit de middeneeuwen. In de rots ziet men +hier en daar nog sporen van leuningen, die ook in de rots uitgehouwen +zijn; in dienzelfden tijd werd er ook een soort van ridderburcht +uitgekapt, met een kapel (de muurschilderingen komen mij verdacht +voor), een keurige wenteltrap is vooral merkwaardig. In de grotten en +in de omgeving heeft men eenige oudheden gevonden, vooral munten en +enkele beeldjes. De grotten zijn nu staatseigendom en worden sedert +een twintigtal jaren wetenschappelijk onderzocht, tot nu toe zonder +belangrijke uitkomsten; men begint er wel achter te komen wat het +niet geweest is, maar verder is men nog niet. Sommigen zeggen dat +de ridderburcht met de wenteltrap en de kapel het werk zijn van +tempelridders, die na de vernietiging hunner orde hierheen vluchtten. + +Op de terugwandeling heb ik mijne oogen nog eens te gast laten gaan +aan den ouden lavastroom. De indruk van woestheid werd vergroot, en 't +was inderdaad eene opluchting toen ik, hooger in het dal komende, het +vriendelijke Besse weder voor mij zag. Besse--'t heet eigenlijk "Besse +en Chandesse"--is een bijzonder plaatsje, dat nog al door zomergasten +bezocht wordt. Er was dan ook een goed bezette tafel in de eetzaal. Een +der gasten trok mijne aandacht; naar zijne vrouw te oordeelen was hij +een gegoed werkman of klein fabrikant; maar zijne handen waren zóó +net van vorm, dat daar toch ook weêr niet aan te denken viel. Hij nam +de leiding van een deel der tafel op zich, diende soep, sneed voor, +voerde onder de bedrijven door een luidruchtig algemeen gesprek; +de man bleef mij een raadsel; zou hij soms een kellner met verlof +zijn? Maar het raadsel werd spoedig opgelost; er werd eene ommelette +binnengebracht op een grooten schotel, te midden van brandenden rum, +tot groot ongerief der dienstmeisjes, die de vlam ten laatste niet +meer meester waren. Al de gasten waren opgetogen--de schrijver telt +niet mede--en madame nam de hulde over dien prachtigen schotel met +koninklijke bescheidenheid aan. De raadselachtige gast diende weêr, +en toen hij eindelijk wat van zijn eigen portie proefde, sprong hij +op, liep naar het dienstmeisje en riep vol ongeveinsde geestdrift uit: +"Zeg aan den kok, dat hij mij overtroffen heeft, ik heb nooit zoo iets +heerlijks gemaakt." De man was kok en liet er zich bij de omgeving +op voorstaan, dat hij chef was in een der groote hotels te Parijs! + +Ik deel dit mede, niet om met mijn gebrek aan kokkennis te pralen, +ook niet om uwe bewondering op te wekken voor de ommelette in haren +waarlijk helschen vuurgloed, maar om u het gehalte der zomergasten +daar te leeren kennen. + +Na dezen langen en aan gebeurtenissen rijken dag, als: het beklimmen +van den Puy de Sancy in den nevel; het afdalen in den regen; de +maaltijd te Vassevières met het "eau de la Vierge", het doorkruisen +van een dal der verschrikking op den weg naar Cheix; het bezoeken +van eene vóór-historische kazerne-woning, en het gebruiken van eene +ommelette brulée onder de leiding van een kok en villeggiatura, +genoot ik een welverdiende rust. + +'s Ochtends vroeg de stad in; 't is maar een stedeke van 1800 inwoners, +met eenige kronkelige straten, maar in deze vele eigenaardige +fraaie gevels. Eén huis, gezegd dat van Koningin Margaretha, munt +vooral uit; op de markt zag ik een betrekkelijk laag huis--ze zijn +allen uit de 15de en 16de eeuw--met eenvoudige, allerkeurigste +versieringen, eene deur om te stelen, zwaar eikenhout met gesmeed +ijzeren beslag. Een zonderlingen indruk maakte voor die deftige fraaie +vensters de uitstalling eener slagerij. De stad heeft nog ééne poort +met klokkentoren, een aardig gebouwtje uit de 16de eeuw. Zeer mooi +was de kerk, of liever zeer merkwaardig. Het oudste deel, het schip, +natuurlijk romaansch; de zuilen waren aardig versierd, zoo opvallend +eenvoudig en lief, men zou haast zeggen kinderlijk. Aan de eene +zijde der kerk zijn later kapellen aangebouwd in gothischen stijl. De +beschildering der muren in de kerk wordt zeer geroemd. Ze was kleurig +en druk. De eenvoudige versieringen in de kerken te Clermont en te +St. Nectaire vond ik echter veel mooier. De andere buitenzijde der +kerk had uitstaande muren, beneden ongeveer 3 M. dikker dan boven. + +Besse is een middenpunt voor bergtochten; dien naar de grotten +van Jonas maakten wij reeds; de richting naar Vassivières had ik +afgewandeld, die naar het noorden met Murols als eindpunt had ook niets +bijzonders. Bleef nog die naar Condat en Feniers, juist de reisweg +dien ik mij voorgenomen had. Ik verliet het stadje door de oude poort +met den klokkentoren en had aanvankelijk den weg terug, waarlangs ik +den dag tevoren gekomen was. Een breed dal; de weg liep aan de eene +zijde ter halver hoogte van den bergrug; in de diepte een riviertje, +maar met zoo weinig water, dat 't gehoopte aangename gezelschap van +zoo'n druk bergstroompje ditmaal ontbrak. Aan de wegzijde enkele zeer +fraaie boschpartijen, en voorts langs bebouwde akkers; eene overoude +landhoeve, door esschen omringd, met prachtige roode vruchten, kwam +tegen den achtergrond van donker eikenloof mooi uit. Beneden in het +dal weidevelden, ook tegen de hellingen aan de andere zijde, zoo ver +men van berg tot berg zien kan; maar ditmaal magere, natte weiden; de +boerderijen lagen daarom ook ver uit elkaar; hier en daar een kaashuis, +"burons" worden die hier genoemd. Na een drie kwartier loopens een mooi +uitzicht op den Puy de Chambourget en den Puy de Montchal; langs een +voetpad de helling op, spoedig weder hout, en dan een der lieflijkste +landschappen die ik nog ooit zag: het meer Pavin (1197 M.) Dit meer is +bijna cirkelrond, en heeft 750 M. middellijn; de diepte bedraagt 97 +M. en de oevers loopen bijna loodrecht omlaag. Langs de oevers gaan +de dicht begroeide hellingen omhoog. Aangaande het ontstaan van dit +meer, en van vele andere in Auvergne, geven de geleerden verschillende +verklaringen, die te ingewikkeld zijn voor den leek en ook voor hem +hare waarde verliezen, omdat ze met elkaar in strijd zijn; met de +wonderlijke volksoverleveringen komt men ook tot geene bevredigende +uitkomst, en daarom noodig ik u uit, alle wetenschappelijk geknutsel +op zijde te stellen en u te verkneuteren aan 't heerlijke natuur +tafereel. Het weêr was buiig, de waterplas, donkergroen van kleur, +was gewoonlijk sterk beschaduwd, en stak statig af tegen de dartele +lijnen van het veelsoortig groen langs de oevers; de zon brak door +en overgoot alles met haar heerlijk licht, om in een anderen vorm nog +mooier te geven. Er staat een visschershuisje, oud en schilderachtig; +daarlangs een pad onder hooge boomen, om het meer heen; we volgen +dat, aldoor genietende van de bevallige lijnen en keurige licht- en +kleurschakeeringen, tot we komen op een punt tegenover het bergpad +dat ons aan het meer bracht. Daar was de oever open; eene beek voerde +het water af en sprong met vervaarlijke sprongen van den eenen steen +op den anderen naar beneden, om onder in het dal de beek te gaan +versterken. De in het licht schitterende waterband vereenigt zich +met de sierlijke oploopende lijnen van den Puy de Chambourget. 't Is +heerlijk mooi; nog eens links het pad op, en nog weêr eens rechts, +en dan weêr eens onder de boomen gaan liggen; 't is en blijft mooi. + +Langs de beek ging ik, of liever klauterde ik omlaag en toog verder +den straatweg op naar Condat. Het landschap werd boschrijker, de weg +loopt omlaag langs eene beek. Men komt door het dorpje Eglise neuve +d'Entraignies. De rivier verandert van naam en heet nu Rhue; in den +omtrek zijn vele minerale bronnen; naar aanleiding daarvan zij in 't +voorbijgaan gemeld, dat zich in de omgeving van die minerale bronnen +altijd eene zoutwaterflora ontwikkelt: vreemd is het dezelfde planten +als aan de zeekust, hier op eene beperkte plek midden in het land te +zien! De bewoners van dit Eglise Neuve hebben eene bijzondere manier +om hunne dooden te eeren; zij bouwen boven de graven kapelletjes +in den vorm van kleine huizen met kruisen er op; het kerkhof maakt +daardoor den onwillekeurigen indruk van eene verzameling poppenhuisjes. + +De weg wordt al mooier en mooier; prachtig opgaand hout, vooral +eiken; de rivier door toevloeiing van beken krachtiger geworden, +wringt zich hier en daar door rotskloven en biedt een reeks van +schitterende landschappen. Na eenigen tijd wordt het dal ruimer en +ziet men "Condat en Feniers" in een breed bekken voor zich liggen. Op +zichzelf biedt de plaats niets bijzonders aan, 't is een stadje van +2600 inwoners, en het ligt in Cantal; er is veel handel in hout; +maar de ligging is tooverachtig mooi, drie berggroepen loopen daar +in een groot dal samen, 't Was heerlijk weêr, stil en niet te warm; +eene avondwandeling om de plaats heen gaf eene heerlijke ontspanning. + +Met boos humeur trok ik er den volgenden ochtend op uit; de menschen +zijn zeer ijverig te Condat, maar ze hebben er geen spoorwegen en +daarom geen haast. Men kan zich in dat goede land geen goed begrip +vormen van iemand die 's morgens om 4 uur op wil staan, om dan +voor zijn genoegen te gaan wandelen, en laat hem daarom ook maar +kalmpjes slapen; en ik moest dien dag naar Bort (32 K.M.), zoodat +het er op aankwam om den dag goed te verdeelen. Eenmaal op marsch, +kwam de goede stemming spoedig terug; de omgeving was prachtig! De +weg loopt bij het verlaten van Condat hoog boven de rivier, maar +altijd naast haar; eerst heeft men prachtige uitzichten op het bekken +van Condat, dat afwisselt bij elke kronkeling van den weg. Eindelijk +wordt het dal enger en komt men onder hoog geboomte langs prachtige +rotspartijen; aan de zijde der rivier ook steeds hoog opgaand hout, +zoodat men over de toppen der boomen de andere zijde van het dal ziet, +geheel bedekt met statige dennenbosschen, hier en daar onderbroken +door grillig gevormde rotspartijen. Bij Cornilloux heeft men de +eerste houtzagerijen, die altijd eene schilderachtige groep aan +de rivier vormen. De rotsen stapelen zich aan weerszijden hooger +en hooger op; dan slingert de weg van de rivier af tusschen woeste +rotsvormingen door, om haar weder te naderen waar ze bij een bocht +opnieuw een schilderachtige beek opneemt. Bij de "Pont de Soutre" +nog weer houtzagerijen; eene tweede Rhue, die van Cheylade, vereenigt +zich met de Rhue, die ik nu reeds, van Eglise Neuve volgde. Dit punt +is wel het schoonste van den geheelen weg, en alles was zoo heerlijk +mooi! Bij herhaling kruist men de rivier. Nog een prachtig punt ontmoet +men bij de "Rocher des Faux monnayeurs", een grot waarin volgens de +overlevering eens eene bende valsche munters langen tijd haar bedrijf +straffeloos uitoefende. Nu wordt het dal ruimer; nog een paar beken +komen de Rhue versterken en men ziet het gehucht Embort door de boomen +schemeren. Te Embort rustte ik wat en trof er een jongen kastelein, +die verzot was op photografeeren; hij maakte aardige dingen, die hij +altijd kwijt kon raken aan de fabrikanten van prentbriefkaarten. Maar, +vreemd, er waren in den omtrek zijner woning zulke allermerkwaardigste +vulkanische overblijfselen, en geen enkel dier punten werd door hem +genomen. Hij zeide mij telkens, als ik er op terugkwam: "maar mijnheer, +dat is toch leelijk, niemand wil dat koopen. Maar zie daar eens die +beek, en daar dat watervalletje, en dat groepje forellenvisschers! Dat +is mooi! en dat is mijn land!" Ik wilde hem vooruit betalen, als hij +kiekjes wilde nemen van de plaatsen, die ik hem aanwees; maar hij +liet zich met de dwaasheden van zoo'n tourist niet in. + +Voorbij Embort, waar men aan alle zijden van uit het breede, vlakke dal +statige berguitzichten heeft, hielden de bosschen langzamerhand op; +de rivier kronkelde door sappig groene weiden; hoogerop werd alles +veel schraler, er staken in de velden overal rotsbrokken omhoog, +en hier en daar zag het er zelfs woest uit; vooral bij het hooger +gelegen gehucht Sarrau. Het was Zondag en de kerkgangers gaven eenige +gelegenheid tot een praatje. De zomer was er zeer droog geweest, de +oogst was tegengevallen en vooral de weiden waren treurig verbrand; de +laag teelaarde op den rotsbodem was hier nog te dun en dientengevolge +zeer gevoelig voor de uitersten van het weêrgetij. Daar waar ik meende +dat men de tweede snede maaide,--men werkt daar ook des Zondags in +het veld--bleek het de eerste te zijn; er zou van eene tweede snede +wel niets komen. + +Toen ik Champs de Bort naderde, trok het klokgelui mijn aandacht. Dat +klonk opgewekt en gaf stemming aan de omgeving. De Guide Ioanne gaf +hier het Hôtel des Voyageurs aan als de plaats waar men verblijven +kon. Ik wenschte er mijn twaalfuurtje te nemen en minstens tot 3 uur +stil te zijn, om de grootste middaghitte te laten voorbijgaan. Daarom +naar de herberg des Voyageurs, eene niet al te weidsche kroeg; ik +kreeg tot bescheid dat ik tot na kerk moest wachten, en dat ik dan +aan de table d'hôte mede kon eten; onderwijl gebruikte ik een glas +vruchtensap en wachtte gelaten, maar niet zonder zorg, op de dingen +die komen zouden. De kastelein had ook een winkel van ellegoederen +en kruidenierswaren; na kerk stroomden de menschen er heen, mannen, +vrouwen en kinderen allen in 't zwart. De vrouwen eerst in den +winkel, later ook in de gelagkamer, waar de heeren dadelijk plaats +namen. Eerst een flesch wijn van het vat; dan brood en kaas en bier, +en dan nog eens, als de vrouwen en kinderen kwamen, afgetapte wijn +in oude champagne-flesschen, met harst of pik over den kurk en den +hals gesloten. Onder het genot van de tweede portie wijn werd het +gesprek levendiger en bereikte later, toen ik reeds aan tafel zat, +eene onrustbarende hoogte. De kastelein, die voorzat aan tafel, +verzekerde mij echter dat er nooit ongenoegen kwam, zoolang ze maar +geen spiritualiën dronken, en die waren alleen te verkrijgen in +kroegen van mindere soort. + +Dat verblijf in die gelagkamer was wel interessant maar niet amusant; +te meer indruk maakte de nette eenvoudige kamer, waar een vrij +talrijk gezelschap heeren en dames de komst wachtte van den laatsten +gast. Het was een goed en allergezelligst maal; de gasten waren +eenvoudige menschen en gaven zich geheel zooals zij waren. Drie jonge +onderwijzeressen onder de hoede van eene oudere dame; de ontvanger der +registratie met zijne vrouw; de griffier van het kantongerecht, nog +twee ongenummerde paren; de kastelein en ik, ziedaar het gezelschap. + +Het was nog drie uur ver, en 't was broeiend heet; van schaduw +was geen spraak meer. Aanvankelijk golfde de weg; op een der +hooge punten een prachtig uitzicht op de bazaltruggen van Bort; +vervaarlijke rotsblokken liggen langs den weg verspreid; dan het +dal der Dordogne. Een heerlijk landschap: het bekken van Bort, de +bazaltruggen, het orgel van Bort genoemd, en de diepe rotsbedding +der Rhue, vragen om strijd de aandacht. Naar de zijde van het dal der +Dordogne fraaie lijnen, afgeronde heuvels dikwijls met prachtig bosch +getooid, een heerlijk golvend landschap. Aan de andere zijde van alles +het tegendeel. Het was langs dien kant dat in den voorhistorischen +tijd de gletschers zich bewogen; men ziet niets dan strakke lijnen, +scherpe rotskanten, hoekige en loodrechtige wanden. Niet ver af, +bij een wilde rotspartij een merkwaardig voorbeeld van rotsen door +het ijs afgevlakt en gestriemd, de diepe gleuven zijn duidelijk +zichtbaar. Wat verder naar de Rhue afdalende, eene woestenij van +bergpuin, in 't oog vallend woest en kaal. Op deze plaats hebben de +natuurkrachten een ontzettenden strijd gevoerd, en het slagveld is +sinds dien in denzelfden desolaten toestand gebleven. Het uitzicht +op de Orgues de Bort trekt bij toeneming de aandacht, tot men, +neergedaald tot aan de rivier, in het stadje aankomt. Ik sloeg mijne +tent op in het hotel Amblart, waar ik eene aardige kamer kreeg, met +een prettig uitzicht op de Dordogne en op het oude stadje. De avond +en morgen te Bort waren allergezelligst; aan de middagtafel maakte +ik aangename kennissen en besloot den dag in hun gezelschap en met +eene avondwandeling door de stad en langs de Dordogne; in een café +maakte ik onder anderen kennis met een fabrikant van vilten hoeden, +die mij uitnoodigde den volgenden morgen zijn fabriek te komen zien. + +Bort heeft 4000 inwoners, een paar flinke fabrieken en veel handel; de +uitzichten langs de rivier zijn zeer mooi, en die op de bazaltruggen, +de Orgues, zijn van zeer bijzonderen aard. 's Morgens vroeg trok ik +er reeds op uit; het is, na eene korte wandeling buiten de stad, +een flinke klim van ongeveer een uur, waarbij men des voormiddags +alles heeft, behalve het eenige noodige: schaduw. De boomen aan +den voet van de bazaltmuren zijn daarom dubbel welkom, en men +heeft daar reeds fraaie uitzichten, een voorproefje van 't geen men +boven zien zal. De bazaltzuilen te Bort--en er zijn er zoo meer in +Auvergne--zijn ontzagwekkend van afmeting. Men kent de stukken van +bazaltzuilen, die hier van den Rijn aangevoerd worden tot het maken van +sluismuren, zeeweringen en dergelijken. De kristalvorm is dezelfde; +maar wanneer zoo'n zuil van den Rijn eene grootste doorsnede heeft +van 40 centim. dan is het al een zwaar stuk. Hier zijn ze 8 tot 10 +meter in doorsnede, die van 4 meter zijn stroohalmpjes. De lengte +is gemiddeld 90 meter, en men kan zich ter nauwernood den indruk +voorstellen, wanneer men dergelijke wanden ziet, die zich voor u +opheffen en zich verder uitstrekken dan men zien kan. De geologie +leert ons, dat die zuilen bij afkoeling gekristalliseerd worden uit +een gloeiende, vloeibare massa; wat moet dat voor een gloed geweest +zijn, toen zich daar kristallen vormden van die afmetingen! Hier +en daar zijn er enkele zuilen ingestort en de brokken, waar men +tusschen door klauteren kan, geven nog beter denkbeeld van de +reuzenafmetingen. Na eene korte rust in de lommer volgde ik het +voetpad naar boven en kwam op den top der kolommen (760 m.). Langs +de kanten komen die koppen bloot, maar op eenige meters van den kant +bestaat de bodem reeds uit goed bouwland, hier en daar afgewisseld +met weiden en bosch. Van den rand der bergvlakte geniet men een +der prachtigste uitzichten van midden-Frankrijk; men staat in het +middenpunt van een groot halfrond, gevormd door drie berggroepen, +van den Mont-Dore, van de Cezallier en van de Cantalgroep. Aan de +andere zijde van Bort, waar men 350 M. boven verheven is, over de +Dordogne heen en over het spiegelgladde, schitterende meer van Madic, +eene opeenvolging van heuvelruggen met diepe insnijdingen, die aan +den horizon afgesloten worden door de genoemde berggroepen. Bosschen, +heidevlakten in prachtig paarsen tooi; weidevelden en bebouwde akkers +versieren de heuvelen in allergelukkigste afwisseling. Enkele witte +vlekken, dorpen en stadjes, eene helle weêrkaatsing van een waterval, +schijnen kunstmatig aangebracht om dien fraaien tuin nog grooter +bekoorlijkheid te verleenen. Het kost den wandelaar meer dan een uur, +eer hij zich van dat vergezicht kan afwenden! De terugwegen naar Bort +zijn talrijk en men kan op goed geluk af elk pad kiezen; onder het +afdalen is de toren van Bort een onfeilbare wegwijzer. + +Na het dejeuner toog ik naar de hoedenfabriek. Ik zal u niet vermoeien +met eene uitgebreide omschrijving van dit fabrikaat, dat we allen, +oud en jong, op het hoofd hebben of gehad hebben. Het meerendeel +van de fransche hazenhuidjes wordt te Bort verwerkt, dat wil zeggen +alléén het haar; maar de millioenen konijnenvellen, die jaarlijks uit +Australië naar Europa verscheept worden, komen allen in de fabrieken +van vilten hoeden terecht. Is het haar eenmaal gesorteerd, dan wordt +de hoed gemaakt uit water en haar, dat op een koperen vlechtwerk +gespoten wordt; dat vlechtwerk is in den vorm van een suikerbrood +en zoowat 75 c.M. hoog en 40 c.M. doorsnede aan het grondvlak. De +eerste vorm van een hoed is dus een reuzenhoed; nu wordt hij door +behandeling met heeten stoom, door pletten en vouwen en hameren inéén +gewerkt en verkrijgt zoo de vereischte vastheid, terwijl hij hoe +langer hoe kleiner wordt. Verder zullen we de fabrikatie maar niet +volgen; er wordt nog geverfd; er wordt nog gewasschen; er worden +zachte fijne vilten gemaakt; er komen dikke en minder plooibare te +voorschijn; het einde van alles is een opgemaakte hoed, dien men zoo +maar dragen kan. Door het bezichtigen van dat alles ben ik dan ook +tot het medeweten van een groot geheim gekomen; namelijk welk model +van hoeden in 1906 gedragen zal worden, zoowel door dames als door +heeren. De fabrikant legde mij echter daaromtrent het zwijgen op; +moeielijk te bewaren is dit niet, want waarschijnlijk hebben bij +'t lezen dezer regelen de meesten het nieuwe model reeds gezien +of in gebruik. Als algemeene indruk der vilten hoedenfabrikaten, +kan men zeggen dat zij volkomen in strijd is met den gewonen loop +van zaken. Hoe grooter de hoed is bij zijn geboorte en hoe kleiner +hij is wanneer hij in gebruik genomen wordt, hoe beter hij aan de +gestelde eischen zal beantwoorden. + +Het bleef dien dag broeiend heet, en ik had na de wandeling +over het "orgel" geen lust om nog meer te loopen; dus per spoor +naar Mauriac. Een genotvol ritje, want dat gedeelte van 't net der +Orleans-spoorwegmaatschappij is zeer bergachtig en wordt dientengevolge +uiterst langzaam bereden; het is een merkwaardig staaltje van +spoorwegbouw. Tal van heuvels, dikwijls door viaducten onderling +verbonden, hebben de ingenieurs niet afgeschrikt; op twee punten +hadden ze zelfs de lijn met slingers tegen de berghelling op moeten +brengen, en zag men de sporen die men bereden had, weder naast en onder +zich. Eene verbazend groote omnibus bracht mij van 't station naar +het hotel l'Ecu de France, een echt ouderwetsch plattelands-logement: +eenvoudig maar in de puntjes, en eene eerwaardige waardin, met een +vriendelijk praatje. Terwijl ik mij verfrischte, zuiverde eene heftige +droge donderbui de lucht, en woei het stof uit de straten, zoodat ik +voor donker nog eene wandeling door het stadje maken kon. Mauriac is +met Salers, dat ik den volgenden dag bezoeken zoude, het merkwaardigste +stadje van Auvergne; het ligt op 900 M., heeft 3500 inwoners, en +bezit belangrijke overblijfselen van vroeger aanzien; gesticht werd +het als klooster, omstreeks het jaar 560, door een kleindochter van +Clovis, op eene plaats van oudsher door de Gallo-Romeinen bewoond; +in de stad zelf en in hare omgeving werden tal van voorwerpen uit +dien tijd opgedolven; van de kloosterkerk van 't jaar 560 werden de +laatste overblijfselen in 1825 opgeruimd;--het was niet alléén in +Nederland dat in die dagen eene verwoestingswoede heerschte; maar +in de kerk Notre-Dame des Miracles bezit de stad nog een schitterend +overblijfsel van eenvoudige romaansche bouwkunde. De achthoekige toren +werd in de vorige eeuw nog al eerlijk hersteld. Het beeldhouwwerk +aan den hoofdingang is bijzonder merkwaardig; de gebeeldhouwde deuren +van 1582 zijn prachtige voorbeelden van de houtsnijkunst dier dagen, +al zijn ze wat geschonden. Inwendig trekt een doopvont de aandacht, +en eene zwarte madonna is ook hier weder het brandpunt der vereering +in wijden omtrek. Hier en daar trekken nog andere oude gebouwen de +aandacht, en de algemeene indruk is prettig; kronkelende straatjes; +huizen met terrassen, dikwijls alleraardigst begroeid of met planten +versierd; een stadje waar men zich dadelijk thuis gevoelt, en dat +den indruk geeft alsof de bouwmeesters van toen bedoeld hadden om, +zonder overdadige versiering en zonder in het oog-vallende middelen, +eens een keurig klein geheel te vormen. + +Men kan van hier aangename uitstapjes maken naar de kloven der +Dordogne, naar St. Projet le Desert; mijn plan echter lag nu eenmaal +een anderen weg uit, en zoo liet ik die plaatsen onbezocht; andere +reizigers zullen echter wèl doen, ze in hun reisplan op te nemen. Ik +wandelde over Anglards-de-Salers naar Salers, eene wandeling die ik +om hare groote eentonigheid niemand aanbevelen kan; men doet beter +van Mauriac per spoor naar Drugeac te gaan en vandaar naar Salers te +wandelen. Na, buiten Mauriac, onder den spoorweg door te zijn gegaan, +komt men in eene kale, onvruchtbare glooiende vlakte; magere weiden met +veel rotsblokken; geen boomen; gelukkig veel bloeiende heide; hier en +daar eene kleine woning en eene verlaten kaashut. Anglards ligt aardig +op eene hoogte onder boomen; toevallig trof ik er eene kerkelijke +processie, een treurig streven om iets indrukwekkends te vertoonen; +te veel tooi om van eenvoudige onbeholpenheid te spreken. Het beste +gedeelte der bevolking woonde den optocht als toeschouwer bij en +verbaasde mij, voor zoover ik het verstaan kon, door zijne scherpe +opmerkingen; de vrouwen vertegenwoordigden daarbij het radicale +beginsel. Trouwens de bevolking dezer streek is van oudsher bekend +om haar stuggen onafhankelijkheidszin; als voorbeeld daarvan in den +nieuweren tijd dient, dat na den laatsten Fransch-Duitschen oorlog, +1870-71, te Bort als hoofdplaats, de republiek 24 uur eerder werd +afgekondigd dan te Parijs. + +Naar Salers toe wordt de omgeving vruchtbaarder, er staan meer en +flinke boerderijen, men komt zelfs van tijd tot tijd iemand tegen en +het landschap trekt weder de aandacht. De uitzichten op de omliggende +bergen worden mooi. Salers ligt in een bekken, waar de dalen der +Maronne en der Aspre tezamen komen, op eene hoogte. Vreemd is de +indruk, dien het stadje--het heeft niet voluit 1000 inwoners--maakt +met zijne vele poorten, zware logge wallen en de grillige omtrekken der +daken, aanhoudend afgebroken door kleine torens. De bevreemding stijgt +met elken stap, wanneer men, door een der poorten binnengetreden, +die smalle straatjes doorloopt tusschen die oude hooge gebouwen. + +Ik zocht het hotel Faure Serre; bij de kerk gekomen op de "Grande +place," een zeer beperkt pleintje, moest ik het opgeven en den weg +vragen, want niets duidde aan, dat ik nog een hotel zoude vinden; +een inwoner was zoo vriendelijk met mij mede te gaan, en bracht +mij in een achterbuurtje voor een oud, vervallen gebouw, waar met +groote vergulde letters in den voorgevel stond Faure Serre. Die +gulden letters waren het eenige frissche dat ik in Salers zag, en +toch was het er prachtig. Het hotel was donker en somber; uit eene +herberg-gelagkamer werd ik trapop, trapaf gebracht in een groote ruime +gang met booggewelven, om te komen aan een vroeger stellig prachtige +wenteltrap; na eenige treden geklommen te zijn,stond ik in eens in +de open lucht op een terrasje, en daar kwam de deur der voor mij +bestemde kamer op uit, een ruim vertrek met mooi uitzicht op tal van +tuintjes en binnenplaatsjes in Salers. Na eenige rust genomen te hebben +verliet ik mijne kamer weêr, naar ik meende langs denzelfden weg, +dien ik gekomen was, maar ik had op de wenteltrap een verkeerd bordes +genomen, kwam weer in een lange gang en voor eene zware houten deur, +die gelukkig niet op slot was. Buiten komende, stond ik in eene andere +stadsbuurt, en bespeurde dat de deur waardoor ik het hôtel verliet, ook +al eene merkwaardigheid was, fraai getimmerd en geheel met eenvoudig +maar keurig snijwerk versierd. Op goed geluk door een steegje verder +gaande, kwam ik op een ruim grasveld; dit was de Promenade de Barrouge, +op den top van eene steile bazaltrots met een verrukkelijk uitzicht +in de omringende dalen. Het plein was met fraaie boomen beplant en +omringd door een muurtje en was aan drie zijden vrij. De jeugd van +Salers vermaakte zich daar met kegelen; van de ongevraagde verklaring +van hun spel kon ik bijna niets verstaan. Verder gaande stond ik +bijna bij elken stap voor een ander monument van bouwkunde. Al die +huizen zijn uit de 15de en 16de eeuw; Auvergne leefde toen, met bijna +geheel Frankrijk op, na het eindigen van den honderdjarigen oorlog +met Engeland en werd aan zichzelven teruggegeven. Die oorlog had +ook de macht van adel en geestelijkheid gebroken, en de ontwakende +volksgeest gaf ook hier de hand aan de hervorming; de steden en het +platteland namen hunne belangen in eigen beheer; het land leefde op en +bloeide, en de welvaart uitte zich spoedig in prachtige woonhuizen. De +hervormingsoorlogen maakten verweer noodzakelijk, en door zijne +natuurlijke ligging was Salers aangewezen tot een middenpunt van +aanval en verdediging. Vandaar die gordel van oude vestingwallen, +nu in bloem- en groententuinen herschapen; vandaar die versterkte +poorten, zooals die van l'Horloge en der Martille, vestingen op +zichzelf. Maar zoolang men nog de kracht bezat om zich tegen de booze +machten van vroeger te verzetten, bleef de voorspoed bestaan en met +dien voorspoed de weelde in het bouwen. Het zoogenaamde Maison Lizet, +met een mooi portaal van jonger dagteekening, op de markt het Maison +du Notaire, en vlak daarbij het Maison des Templiers, en nog tal +van andere prachtige gebouwen zijn de bewijzen van dat korte tijdvak +van bloei. De kerk is uit de 15de eeuw en dus reeds uit het tijdperk +van den overgang van de romaansche tot de gothische bouworde; zij is +gedeeltelijk gerestaureerd, zeer fraai, maar door de restauratie te +nieuw in die omgeving. De ingang der kerk is een flink voorbeeld van +wijziging van den bouwstijl. Waren de deuren der romaansche kerken +aanvankelijk klein, zoodat men ze gemakkelijk openen en sluiten kon, +later werden die aan de hoofdingangen grooter en door een middenstijl +in tweeën verdeeld; ook liet men de portaalwanden schuins uitloopen, +zoodat er voor de binnentredenden meer ruimte ontstond. De daardoor +ontstaande vergroote zijvleugels werden hoe langer hoe kunstiger +versierd, nu eens met kolommen in verschillenden vorm, dan eens met +beelden in nissen; ook de middenstijl der deuren werd veelal een beeld. + +Ik bleef aan 't ronddolen in dat allermerkwaardigste stadje; liep hier +en daar eene poort in, om op ruime binnenplaatsen te komen, die overal +de resten vertoonden van keurige bouwkundige versieringen. Treurig +echter was het, den diepen staat van verval te zien, waarin al dat +schoons gekomen was. Geen dier groote prachtige gebouwen werd nog in +zijn geheel bewoond, en hoewel ik niet mag beweren dat er armoede +heerschte, zoo was de levensstandaard zoo laag, en 't gebrek aan +orde en zindelijkheid zoo groot, dat men toch aan volslagen armoede +moest denken. + +'s Avonds aan tafel--want te Salers komen veel reizigers--maakte ik +kennis met een aangename familie, en zette na tafel het gesprek voort; +tot mijne verbazing vernam ik dat er geene plaatselijke verzameling +van oudheden of kunst was, en dat de overblijfselen van zulk een +schitterend verleden eerst sedert een veertigtal jaren de aandacht +hadden getrokken, om bijna allen hunnen weg te vinden naar Parijs, +in handen der oudheid-handelaren. Geen der merkwaardige gebouwen, +ook niet de oude kasteeltjes in den omtrek, waren nog in handen van +de oorspronkelijke families, en inwendig was er ook niets meer te +vinden. De prachtige betimmeringen waren uitgebroken en verkocht; hen +volgden de schoorsteenen, de trapleuningen, de versieringen van deuren +en vensters, het ijzer- en koper smeedwerk, tot er niets overbleef +dan bijna onbewoonbare vertrekken, die dan bij gedeelten verhuurd +werden. Men zeide, dat in vele gevallen de tegenwoordige bewoners, door +'t langdurig bewonen, eigenaars werden en dat van vroegere eigenaren +dikwijls niets bekend was. Men verklaarde deze vreemde feiten altijd +door het tooverwoord "La grande Revolution". Ik werd in het levendig +gesprek met de pas gemaakte kennissen verrast door de waardin, die ons +tegen negen uur de brandende blakers bracht; het duurde haar te lang en +we moesten maar naar bed. Maar ook wij maakten "une grande revolution" +en onttrokken ons aan den druk der over ons gestelde machten; we +ontsnapten met de brandende blakers in de hand naar buiten. 't Was +heerlijk maanlicht; de blakers werden uitgeblazen en op de groote +markt in een der raamkozijnen van het maison du Notaire neêrgezet, +en we maakten een wandeling door de reeds in diepe rust gedompelde +stad. Niet licht zal ik die heerlijke avondwandeling vergeten, +en vooral dat prachtige uitzicht van de Promenade de Barrouze; +tegen half elf bereikte ons de arm der hoogste macht; de nachtwacht +kwam opdagen, en wij begrepen dat verder verzet onmogelijk werd; +we zochten onze blakers weder op, en sloopen door de zijdeur, die ik +'s middags gevonden had, het hotel weer binnen. + +Den volgenden dag stond mij eene inspannende wandeling te wachten. De +tocht van Salers naar den Puy Mary, en van dezen naar Murat, staat +bekend als de schoonste in Cantal, maar hij heeft het groote gebrek van +43 K.M. lang te zijn. Dat was een marsch van 11 uren! Zeer vroeg op; +vroeger dan het hotelpersoneel; met aanvankelijk treurige gevolgen. Ik +werd voor 't ontbijt in eene binnenkamer gelaten maar dit vertrek--de +woonkamer van het gezin--was erg bedompt en waarschijnlijk sedert +de grondvesting van het gebouw niet meer bijgeveegd; het was mij +ondoenlijk het ontbijt daar te voltooien, en ik was blijde, na mijne +rekening betaald te hebben, weder naar buiten te kunnen. + +Er was een dikke mist; de weg loopt langs de berghelling boven het +dal der Maronne; van al de prachtige vergezichten en het heerlijke +landschap zag ik niets, dan van tijd tot tijd een kijkje door eene +opening in den nevel, maar dat was ook voldoende om mij te doen +beseffen wat ik door het slechte weer verloor. Op den Col hetzelfde; +de nevel begon regen te worden. Nu kwam ik, afdalende, in prachtige +bosschen; de weg kronkelde steeds voort; eenige vage omtrekken en +het luiden van klokken bewezen de nabijheid van dorpen; ik was in +de kloof van Falgoux. Gelukkig veroorloofde mij een flauw zonnetje +ter hoogte van den Roc des Ombres en den Roc du Merle, de fraaie +omtrekken dezer rotsgevaarten waar te nemen. Daar kwam ik aan den +voet van den Puy Mary, bij den Pas de Peyrol. Nu zou ik, behalve een +prachtig uitzicht, een der merkwaardigste punten van de reis zien; +van af den Puy Mary ziet men neer in een der grootste kratervormingen +van Europa. Wel te verstaan, buiten den mist en den regen gerekend, +die mij het beklimmen van den top vrijwel onmogelijk maakten en mij +in den vollen zin des woords druipstaartend naar beneden dreven. Ik +zag het beloofde land, maar mocht het niet betreden. + +Bij den Col de l'Eglac was eene herberg, waar ik hoopte de schade +van mijn verzuimd ontbijt in te halen; maar 't ongeluk vervolgde mij, +men had daar niet op gasten gerekend. Als de kippen ook daar niet de +heilzame gewoonte hadden gehad van eieren te leggen, dan had ik mij, +na 21 K.M. geloopen te hebben, met een stuk oud brood en een brokje +kaas tevreden moeten stellen. + +Over steeds terugkeerende kronkelingen ging de weg over den Col de +Serres; altijd door regen, maar nu onbetwistbaren stortregen; door het +gehucht Lauvegirie naar het dorp Dienne. Bij goed weder moet in deze +boomrijke streek het landschap mooi zijn--nu droop alles. Te Dienne--ik +was toen nog 10 K.M. van Murat--moest gemiddagmaald worden, en ik zocht +daartoe de best uitziende herberg uit; maar de maat der tegenspoeden +was nog niet volgemeten! Stellig kon men mij een warm dejeuner geven, +er kwamen veel menschen en allen waren altijd tevreden! Nu, ik heb bij +'t heengaan ook maar zoo gedaan, maar 't was een allerwonderlijkste +maaltijd; de gerechten, die men mij voordiende, kende ik noch op +'t uiterlijk noch naar den smaak. + +Eindelijk klaarde het weêr wat op en ik stapte door naar Murat; +een mooie weg. Te Murat trof ik in het Hotel des Messageries een +aangenaam onderkomen. De stad is tegen eene hoogte aan gebouwd, op +den top waarvan vroeger een kasteel stond; in de plaats daarvan nu +een reusachtig Mariabeeld, als kunst van geen waarde; de wandeling er +heen loont echter zeer, omdat langs de hoogte weder zoo'n bazalt-orgel +te zien is. Hoe dikwijls men die vreemde vormingen ook ziet, ze maken +altijd denzelfden diepen indruk. + +In de stad zelf--zij heeft 3000 inw.--heeft men de oude +O.L. Vrouwekerk, uit de 15de eeuw, maar herhaaldelijk gerestaureerd +en bijgebouwd, en een aantal mooie huizen in renaissance-stijl; +de straten zijn meestal glooiend, en de stad maakt een aangenamen +indruk. 's Morgens vroeg trof ik er de weekmarkt. Allerlei land- +en tuinbouwproducten werden er door de boeren en boerinnen te koop +aangeboden, en al de dames uit de stad schenen wel tegenwoordig te +zijn, om hare inkoopen te doen. Onder dat gewoel en gedrang viel +me een geestelijke op, die zelf zijne inkoopen deed; hij scheen +een goede bekende van de buitenlui te zijn en was volstrekt niet +verlegen om een kwinkslag met gelijke munt te betalen, die opgewekte +oude heer! Op de kaasmarkt was niet anders aangevoerd dan de soort, +genaamd St. Nectaire en kleine platte geitenkaasjes. Zooveel van +die kaas was mijn reukorgaan te machtig in die half natgeregende +menschenmenigte; hun beider kracht vereenigd verdreef mij uit die +overigens schilderachtige omgeving. + +Dien namiddag trok ik per spoor naar Vic sur Cère, eene +aardig gelegen en druk bezochte badplaats; het groote hotel der +Orleans-spoorwegmaatschappij is aardig tusschen de heuvels gelegen +en eene eerste-klasse inrichting. Vic bestaat uit een oud en een +nieuw gedeelte; in het oude vindt men weêr enkele fraaie huizen, +maar de doorgaande reiziger komt te Vic om den Pas de la Serre te +zien. De weg er heen is overal door bordjes aangegeven; het is een +alleraardigst pad, dat u na een half uur in een weideveld brengt, +om dan spoedig in de kloof te komen. Het riviertje de Cère heeft zich +daar door rotsmassa's heen een moeielijken weg gebaand. De rotsen zijn +gedeeltelijk met mos bedekt en op de kammen weelderig begroeid. Het +geheel is allerliefst, 't maakt geen woesten, maar, bij het kalm +stroomen van 't riviertje door de eenmaal gevormde bedding, een indruk +van bevalligheid; jammer dat men vlak bij de kloof den stroom afgedamd +heeft ten behoeve van eene lichtfabriek. Men kan door de kloof heen +klauteren en komt dan door een steeds aanvalliger wordend dal bij de +kasteelen Tremoulet en Espinasse, beiden verrukkelijk gelegen. + +Des namiddags maakte ik nog een wandeling naar de Mongudo, een klein +bergvlak, vermaard om de planten-fossielen die men er vindt. Die +overblijfselen der plantenwereld zijn uit een vroeger tijdperk +der aardvorming; de meeste soorten zijn sinds dien terplaatse +uitgestorven. Men vindt er prachtige afdruksels van beuken, van +esschen en van wijngaardloof, en van verscheiden bamboes-rietsoorten; +men vindt er zelfs veel afdrukken van pas ontloken knoppen, die recht +geven tot de onderstelling dat de vernielende vulkanische uitbarsting +in de lente plaats had; men ziet nog staande verkoolde stammen, die +groeiend begraven werden; ook aardige brokken versteend hout komen +voor. De wandeling terug naar Cère is weêr van zeldzame schoonheid; +de lijnen der bergen loopen van alle zijden op naar het hoogste punt, +den Plomb du Cantal, die den volgenden morgen beklommen zoude worden. + +'t Was weer regenachtig toen ik, voor dag en dauw, de wandeling begon; +'t ging langs den straatweg naar Lioran, met verrukkelijke uitzichten +op het dal der Cère; een heerlijke wandeling die eindigt in den tunnel +van Lioran, een fraai bouwstuk van 1410 M. lengte, door den Puy van +Lioran heen; vlak bij den uitgang is het Hôtel des Touristes, ook +van de Orleans-spoorwegmaatschappij en een zeer aanbevelenswaardig +verblijf. + +Denzelfden dag beklom ik nog den Plomb de Cantal (1858 M.). Een +keurig bergpad zonder bezwarend klimmen; aanvankelijk door fraaie +dichte bosschen, met hier en daar open plaatsen, van waar men dan +goede uitzichten heeft op den Puy de Griou en den Puy Mary. Tal +van beekjes stroomen u te gemoet, en voortdurend hoort men onder +'t loover het kabbelend geluid van de vele kleine watervallen. Op +de hooger gelegen punten, die een ruimer uitzicht geven, zijn banken +geplaatst. Men komt, al wandelend en al rustend, langs dat fraaie pad +onder die prachtige boomen, ongemerkt op een uitgestrekt weidevlak, +waar twee groote kaashutten staan. Van hier uit heeft men een bijzonder +goed uitzicht op een ruim en diep bekken, begrensd door hoogere toppen +en onregelmatig rond van omtrek; 't is een oude krater, waarover +later meer. Voorbij de kaashutten, de burons van den Rambarter, gaat +men verder door weiden een smal bergpad op, dat hooger en hooger +eindelijk op een bergrug uitloopt, dien men al geruimen tijd als +een steilen wand voor zich zag. Die rug is weder de rand van eene +niet zeer uitgestrekte bergvlakte, aan 't einde waarvan de Plomb +du Cantal zich verheft. 't Is een zonderlinge bergvorm, een plompe +heuvel van bazalt, met gras bedekt. De Plomb is op één na de hoogste +top van midden-Frankrijk, en wordt van al de bergen daar het meest +bezocht. Er was dan ook een talrijk gezelschap en wij wedijverden +met elkander in het aanwijzen van de fraaiste punten van 't fraaie +panorama. Midden op den top stond een zwaar ijzeren geraamte van een +huis, met een opschrift, meldend dat het daar gebracht was door die +en die transportonderneming. Stellig een moeielijk werk en eene goede +reclame, maar 't was een schreeuwende wanklank in die omgeving. + +Na in den ochtend wat regen te hebben gehad, was het in den voormiddag +iets helderder geworden, om in den namiddag weer aan 't pruilen +te geraken; onderweg raadde een herder mij nog aan, om maar niet +door te gaan, want 't zou boven niet helder zijn. Maar ik had het +uitzicht van den Puy de Sancy gemist, den Puy Mary had ik niet eens +kunnen beklimmen; ik wilde nu een laatste kans wagen. Gelukkig, want +boven was het helder tot de kimmen toe! Maar op eens begon het hard +te waaien, een paar tellens later te stormen, en die luchtstroom was +ijskoud. Men had haast geen tijd om te bedenken wat dat worden moest; +onder den wind bleef alles helder en mooi, maar in den wind was in +een oogenblik alles grauw en zwart geworden; 't volgende oogenblik +waren we in een dikken nevel gehuld, en een ieder zocht een goed +heenkomen. De wolk die ons bedekte was zóó dik, dat ik al spoedig +mijn gezelschap kwijt was en we elkaar eerst halverweg beneden weder +ontmoetten. Toen ik weer bij de burons van den Rambarter terugkwam, +werd het weer helder. Dat verrukkelijke uitzicht met den Puy Mary +en den Puy Griou aan de overzijde, deed mij watertanden. 'k Moest +nog naar den Puy Mary, om de hellingen waarop ik nu liep, in haar +geheel waar te kunnen nemen en mij eene duidelijke voorstelling van +den ouden krater te kunnen vormen. In dat bekken waren ontzettende +vulkanische bedrijven afgespeeld. Dat moest ik toch in zijn geheel +gezien hebben, en mijn laatsten dag wilde ik aan dat zware werk +besteden. Het inderdaad prachtige en zoo hoogst belangwekkende +landschap, dat zich voor mijne voeten ontplooide, was er de schuld +van dat ik besloot, als het den volgenden ochtend om 4 uur droog was, +nog van Lioran uit den Puy Mary te beklimmen. + +In het hotel teruggekeerd, moesten de kleederen gedroogd +worden. Gelukkig had men in 't hotel de uittrekkende schapen geteld, +en bij 't lieve regenweer een flink houtvuur aangelegd, om de kleederen +spoedig weer draagbaar te maken. Die geen tweede pak bij zich had, +moest in zijn kamer verblijven tot na het drogen. + +Gezelschap kon ik niet mede krijgen; niemand vertrouwde het weer +nog, zoodat ik den volgenden ochtend de reis alleen aanvaardde, +en met helder weer. Aanvankelijk ging het door bosschen en weiden +met indrukwekkende bergpanorama's aan alle zijden, over den Col +de Rombières tot aan den voet van de Roc de Bataillouze (1686 M.), +dan afdalen naar den Col de Cabre (1539 M.) waar men een merkwaardig +uitzicht heeft op het bekken van Mandailles, een halfrond en een deel +van den ouden krater. De bodem en de wanden bestaan uit verschillende +lavasoorten, die als 't ware eene staalkaart vormen van wat de +vulkaan gedurende eene reeks van tijden uitbraakte. Dat bekken heeft +eene doorsnede van 4 à 5 KM., de diepte wisselt af van 1787 tot 860 +M. De omringende rotswanden zijn ongeveer 1600 M. hoog. Tal van beken +spoelen van den bergwand omlaag, de grootste, de Jordanne, ontspringt +op den Col de Cabre; de wanden zijn overigens afwisselend bedekt met +weiden en bosschen; de plantengroei is rijk, dank zij die vele beken; +de vele verspreide boerderijen getuigen van een vruchtbaren bodem. Van +den Col de Cabre loopt het pad naar den top van den Peyre-Arse, een +kalen top, dan langs een betrekkelijk smalle bergkam tot aan den Puy +Mary. Daar was ik er, en nu met goed helder weer; zonder te aarzelen, +had ik gewaagd en gewonnen! + +De Puy Mary (1787 M.) heeft eene driehoekige spits, de beken vloeien +in drie richtingen af. Het uitzicht op de verschillende berggroepen +was schoon, mooier dan dat van den Puy de Dôme, of dat van den Plomb du +Cantal. Vlakten en bergen wisselen steeds af, en hier en daar ziet men +de rechte, horizontale lijnen der bazaltruggen, waaronder de orgels +van Bort duidelijk te onderkennen zijn. Aan zijne voeten heeft men +echter het mooiste uitzicht, de van den berg uitstralende dalen zijn +rijk in afwisseling; aan het einde van elk dal dichte dennenbosschen, +waarop dan helder gekleurde weiden volgen, met woningen bezaaid. + +De geologen deelen ons mede, dat de verschillende bekkens of +bergkommen, waarin we van den top van den Puy Mary neêrzien, +de plaatsen zijn geweest waarboven zich vroeger de reuzenvulkaan +verhief. De toppen, die zich aan den rand verheffen, zijn oude +bijkraters, aan de zijwanden doorgebroken, ver beneden den top. De +eerste uitwerpselen van den vulkaan werden langzamerhand om den +hoofdkrater opgestapeld, en vormden het reusachtig omhulsel van den +kegel, een koek van ongeveer 80 KM. middellijn, waarvan de gezamenlijke +Cantalbergen nu de overblijfselen zijn. De koek is ongeveer 1000 meter +dik en bestaat uit eene groote verscheidenheid van lavagesteenten. + +Dat alles was niet het werk van één dag; de vulkaan had langdurige +tijden van rust, gedurende welke zich een weelderige plantengroei +op zijne hellingen ontwikkelde. We bespraken dat reeds bij het +bezoek aan de bergvlakte van Mongudo. Dergelijke overblijfselen +worden op tal van plaatsen in Cantal gevonden. Daarna volgden de +uitbarstingen, die als vaste rotsen op de hellingen afkoelden: +het zijn de tegenwoordige Puy's, waarvan we enkele beklommen. Eene +derde reeks van uitbarstingen volgde, om weder andere rotsgevaarten +te vormen, tot eindelijk de vulkanische werking zich in eene vierde +reeks van uitbarstingen uitputte, en de licht vloeibare bazalt langs +alle zijden af deed stroomen; deze laag bazalt bedekte niet alleen de +vroegere lavagesteenten, maar ook de voor deze bestaande terreinen, +zoomede de heuvelen in wijden omtrek. Daaraan hebben de vlakten in +Cantal, bijv. de Planèze, haren oorsprong te danken. + +Nadat de vulkanische werkingen opgehouden hadden, stortte de +hoofdkrater in en was de woeste massa verder aan de invloeden van den +dampkring onderworpen. De vervorming ging toen langzaam maar even zeker +voort. Groote sneeuwvelden bleven op de bergtoppen liggen en stortten +neer langs de hellingen, alles hullende in een vervaarlijk ijskleed, +dat aan geheel Cantal en Auvergne een aanzien gaf als nu bijv. in +Alaska. Men vindt overal onbetwistbare sporen van een ijstijdperk; +afgeronde heuvelbulten, ijsgleuven in de rotsen; opeenhoopingen van +bergpuin aan weêrszijden van vroegere gletscherbanen; ontzettende +zoogenaamde zwervende rotsblokken. De gletschers moesten echter ook +hunne heerschappij opgeven; hun gebied werd steeds kleiner, en wilde +waterstroomen ploegden de tegenwoordige dalen in de berghellingen. Nog +eens behaalde het ijs de overhand en verzamelde zich nu meer in de +dalen; van dit laatste gletscher-tijdperk was de mensch getuige, en het +land nam langzamerhand de vormen aan, die het nu ongeveer nog heeft. + +Toen ik daar op den Puy Mary stond en in de berg- en dalvormingen om +mij heen zoo duidelijk voor mij zag wat de geologen leeren, stond +het bij mij vast, dat ik zou trachten eene korte beschrijving te +geven van de wordingsgeschiedenis dezer streek, tevens de algemeene +type van andere bergvormen, die zich vroeger en later evenzoo +ontwikkelden. Zooveel mogelijk vermeed ik het gebruik van vreemde +uitdrukkingen, en ik hoop dat mijn relaas den lezer van eenige nut +moge zijn, al zal de geoloog er de schouders bij ophalen. + +Met deze laatste wandeling van Lioran naar den Puy Mary en terug, +was mijne voetreis in Auvergne afgeloopen. Langs den kortsten weg, +over Arvant en Clermont-Ferrand, spoorde ik terug naar Parijs en +naar Nederland. + +Nog ten slotte een paar voorbeelden van de oude taal van Auvergne, +in zegswijzen, die nog al eens gebruikt worden. + +De taal zelf is eene vertakking der "langue d'Oc", die tot in de +15_de_ eeuw in alle officieele stukken gebruikt werd, en eene niet +onbelangrijke litteratuur heeft; toen zij ophield de officieele +taal te zijn, geraakte ze naast het fransch in vergetelheid, men +hoorde er weinig meer van, tot in de 19_de_ eeuw, toen er wat nieuw +leven ontstond. Thans hebben de vrienden dier taal een eigen orgaan: +"Lo Cobreto"; zij werken krachtig samen met de Félibres van Provence, +en hun dichter Arsène Vermenouze schrijft verzen, die elke letterkunde +eer aan zouden doen. + +En nu: _fransch_: Rien aussi bien reparti que l'esprit et les impôts; +chacun trouve qu'il en a assez. + +Oud Auvergne'sch: N'ya re de si bhin parthi couma l'aima et la +tailla. Tsaum troba que n'a prou. + +Fransch: Une chèvre et deux femmes, il y en a assez pour tenir +une foire. + +Oud-Auvergne'sch: Na tsobra et dua feinnas, ni za prou pour tene +na feira. + +Deze zegswijzen bewijzen u tevens dat de Auvergnaten toegerust zijn, +met wat men wel eens galgenhumor noemt; en de vreemdheid der taal +maakt het ook duidelijk, dat pogingen om gesprekken aan te knoopen +met Auvergnaten, die hun fransch vergeten hadden,--op niets uit +moesten loopen. + + + +AANTEEKENING + +[1] De gegevens omtrent de bouwkunde zijn ontleend aan Professor +Gugel's geschiedenis der bouwstijlen. + + + +Abydos + +Naar het Fransch van E. Amelineau. + + De legende van Osiris.--Geschiedenis van Abydos in den tijd + der egyptische dynastieën en in den christelijken tijd.--De + monumenten der stad en hun berooving.--De tegenwoordige inwoners + en hunne zeden. + + +Allereerst wil ik een woord van dankbare herinnering wijden aan het +stadje, waar ik vier jaren van mijn leven heb doorgebracht en dat +mij belangrijke gegevens heeft verschaft, welker gewicht plotseling +voor de oogen der minst helderzienden een tijdvak heeft onthuld, +waarvan men tot nu toe weinig wist en waaromtrent nu veel onwrikbaar +vaststaat. Ik ga dus van het stadje Abydos in Egypte vertellen, om +de herinneringen op te halen, die mij gebleven zijn uit dat deel van +mijn leven en die den lezer van dienst kunnen zijn. + +Zoo er ergens ter wereld een stad is, welker overlevering en +geschiedenis tot die primitieve tijden opklimmen, waarin de gedachte +van den nog kinderlijken mensch haar eerste levende stapjes deed op +den weg van de beschaving, dan is die stad Abydos. Ten minste vijf +duizend jaren vóór onze jaartelling was de plaats reeds van voldoende +beteekenis, dat er de meeste kunsten bloeiden die te zamen het leven +der menschen mooier maken, en reeds hadden zij een groote en zeldzame +volmaking bereikt. + +Sedert dien zoo ver achter ons liggenden tijd hebben heilige +bedevaarten op een bepaalden tijd van het jaar, en wel den dag van +den winterzonnestand, er een massa vreemden heen gevoerd, die de hulp +kwamen inroepen van den weldadigen, in het bezit van Abydos zijnden, +God of hem kwamen danken voor verleende gunsten; want als alle zeer +oude steden en met hetzelfde recht had Abydos zijn gansche verleden +met de legende van Osiris in verband gebracht, die zoo bekend is wat +de gebeurtenissen in het groot betreft, en zoo onbekend is gebleven +in de bijzonderheden. + +Volgens de legende regeerde, op een tijdstip dat niet nader is vast +te stellen, over Egypte een geslacht, waarvan het hoofd Seb was en de +moeder Noet; later zouden de Egyptenaren van Seb den aardgod en Noet de +hemelgodin maken. In dien tijd lieten de plichten van het koningschap +den dragers veel vrijen tijd en verhinderden hen evenmin als in +onze dagen, zorg te dragen voor een voldoende nakomelingschap. Seb +en Noet hadden vier kinderen, twee zoons en twee dochters, die +volgens het gebruik met elkander moesten trouwen, Osiris met Isis, +Set met Nephthys; maar het waren ongelukkige huwelijken, en er +kwamen burgeroorlogen uit voort, die lang zouden duren en droevige +moordtooneelen zouden veroorzaken. + +Osiris en Set zijn inderdaad de vertegenwoordigers van twee +uiteenloopende systemen van het koningschap. Osiris is de god, die +door zachte middelen wil beschaven, door den landbouw en door kunst +en wetenschap; hij is een tegenstander van geweld, van oorlogdienende +uitvindingen en strenge wetten, het tegendeel van Set, dien de Grieken +Typhon noemden, om zijn boosaardige rol aan te duiden. + +Osiris is Abel, Set is Kaïn en tegelijk Tubalkaïn uit Egypte, de +god der krijgers, der metaalzuiveraars en van al die industrieën, +die de menschen de diensten, die ze hun hebben bewezen, duur hebben +laten betalen. Twee zulke verschillende naturen, twee geesten, +zoo vol tegenstellingen, moesten elkander wel vijandig zijn. Eerst +heerschte er vrede; maar toen Osiris, terugkeerend van zijn glorierijke +overwinningen door de verspreiding van de kennis van den landbouw en +der kunsten, die de menschelijke ziel tot zachtheid stemmen, gevierd +en toegejuicht werd, brak de noodlottige strijd uit. + +Tijdens een feest, dat aan zijn broeder en zijn zusters door hem werd +aangeboden, verscheen te midden van een talrijk gezelschap vreedzame +en krijgshaftige goden Set, die, zijn duistere plannen verbergend, +een kist vertoonde, waar hij al zijn kunst op had aangewend. Hij +stelde den verbaasden goden voor, het kunstwerk te willen vereeren +aan dengene, die de kist precies zou vullen. De goden beproefden het +bij beurten, maar niemand slaagde erin. Toen de beurt aan Osiris was +gekomen, ging hij in de kist liggen en, wonderlijk geval, hij vulde die +geheel. Reeds meende hij er heer en meester van te wezen; maar Set, +de listige en wraakgierige, sloeg onmiddellijk het deksel dicht en +sloot de kist. Osiris werd gestikt. Dat had zijn broeder Set voorzien +en gewild, want hij kon het niet verdragen, dat Osiris de stervelingen +beschermde, hun middelen aangaf, die hun leven vroolijker konden maken; +hij wilde integendeel oorlog en vernieling. Hij had allerlei middelen +bedacht, om tot zijn doel te geraken en de eerste plaats in te nemen +in de gedachten en het leven der menschen. Zijn plan gelukte, en van +dat oogenblik af heeft de mensch, al te trouw die eerste dwaasheid +aanhangend, maar al te goed zijn lessen gevolgd. De kunsten des vredes +zijn daarom in den steek gelaten, ten minste ondergeschikt gemaakt +aan de kunsten van den oorlog; het leven is een prooi geworden van +verwoestende machten, en aan alle zijden overstemt het geluid der +hamers, die ketenen smeden en het ijzer bewerken dat vernietigen moet, +de vreedzame klanken van het werk des landbouwers, die de aarde vrucht +doet dragen en de menschheid voedt. Overal hoort men oorlogsklanken +en nauwelijks durft het lied des vredes schroomvallig, klagelijk zich +doen hooren. + +Maar Osiris liet zijn vrouw en zuster Isis na, die hem zou +wreken. Isis, die haar man geen zoon geschonken had, aan wien de wraak +kon worden toevertrouwd, stelde zich ten plicht het lichaam van Osiris +op te zoeken en, als zij het teruggevonden had, het te doen herleven, +opdat hij zijn werk kon hervatten. Set had, nadat hij zijn mededinger +overweldigd had, de kist in den Nijl geworpen onder de toejuichingen +van zijn helpers, de lachende geesten. De Nijl had de kist naar zee +gevoerd en de golven hadden haar teruggeworpen op het strand van +Byblos, waar een boom was opgeschoten, die de kist geheel omsloot +en haar in zijn stam opnam. Isis, die het lijk van haar man zocht, +kwam te Byblos, werd door een gelukkig toeval eigenares van den boom +en de kist, en keerde naar Egypte terug met den kostbaren last. Doch +op een avond, dat Set bij maneschijn op de jacht was, ontdekte hij de +kist tusschen het riet in Beneden-Egypte, maakte zich ervan meester, +en om te beletten dat Isis haar weer krijgen zou, sneed hij het lijk +van zijn broeder in stukken en verspreidde de deelen over de provincies +van Egypte. Isis vond ze terug, begroef elk der veertien fragmenten +op de plek, waar zij het ontdekte, nadat zij ze eerst aan elkaâr +had gepast. Op elk gedeelte van het heilige lijk liet zij een graf +oprichten, en Abydos stelde er een eer in, dat het een stuk van het +goddelijk opperhoofd bezat, en wel de doos met het hoofd van Osiris. + +De plek, waar het stadje was gelegen,--want Abydos was altijd een +kleine plaats,--zal niet veel verschillen van die, waar tegenwoordig +de arme dorpjes liggen, ontstaan op de puinhoopen der oude stad. De +Nijl stroomde op vrij grooten afstand van het graf van Osiris, maar +zocht dan verder al meer de nabijheid van het arabisch bergland en +verwijderde zich van de Lybische bergen, zooals nu nog altijd het +geval is tengevolge van den aard van het terrein. + +Tusschen de rivier en de heilige stad van Osiris lag toen al een wijde +vlakte, doorsneden door enkele kanalen, en vijf of zes maanden van het +jaar groen en bloeiend en welriekend door de geuren, die uit bloemen +opstegen. Er werden veel boonen verbouwd en linzen en andere planten, +die men er nu nog kweekt. Jaarlijks kwamen er menschen en dieren +in dien tijd van overvloed. De menschen bouwden er, te midden van +hun voedende gewassen, ezbehs en andere primitieve gebouwen, waarin +zij met de dieren samen genoten van het leven in de open lucht bij +betrekkelijken overvloed, beschenen door de weldadige zonnestralen en +met geen andere taak dan te genieten van de warmte, het zich voeden +met de producten van den grond, het opsnuiven der geuren uit de lucht, +en het aan niets anders denken dan aan spel en vreugd; dus juist te +leven als het stomme dier, alleen met dit verschil, dat de fellah +met de spraak begiftigd is. En dan is die taal nog zoo primitief; +ze bestaat slechts uit een luttel aantal woorden, zoodat men haast +geneigd zou zijn, de stilte en het zwijgen van de dieren te verkiezen, +die de mooie dingen, die zij denken, althans vóór zich houden. + +Dicht bij de dorpen groeien boomen en boompjes, acacia's en tamarisken, +palmen en die vruchtboomen, die de achterlijke bewoners hebben leeren +kennen. Achter een gordijn van die boomen en geheel ingesloten door +hun gebladerte, heeft Abydos nu zoo goed als in den ouden tijd een +armoedig voorkomen met zijn huizen van ruwe steenen of van aarde, +staande op heuvels van puin. Het ligt ten westen van den Nijl dicht bij +'t onvruchtbare gebergte, altijd binnen het bereik van rooversbenden, +geneigd om op de onverdedigde plaats neer te strijken. + +Misschien dat de gezeten bevolking der heilige plaats uit die +rooverbenden is voortgekomen, die ook eens de genoegens van het +bezit eener vaste woonplaats wilden smaken; de nomaden gaven daarom +de vermaken van roof en plundering niet op en maakten zich tot heeren +van de ongelukkige fellahs, die het dal bebouwden. Set heeft opnieuw +zijn broeder Osiris op deze plaats overmeesterd. Dit alles klinkt des +te meer waarschijnlijk, daar in alle tijdperken der geschiedenis, +van de oudste tijden tot op onze dagen, de bewoners der heilige +stad weerstand hebben geboden aan de eerste regelen der moraal van +de gewone maatschappijen. Zij hebben altijd slechts middelmatigen +eerbied gehad voor den eigendom, hebben altijd gemeend dat andermans +goed een zeer bijzondere bekoorlijkheid bezat en hebben nooit verzuimd, +zich er van meester te maken, als zij het maar even konden doen. + +Voor hen is een man eigenlijk eerst een man, als hij ook een dief is; +diefstal is de toetssteen van eerbiedwaardigheid, en hij alleen is +braaf mensch, die proeven van bekwaamheid heeft afgelegd door in eigen +handen te doen overgaan wat in die van zijn buurman zich bevond. Dus +kan men licht begrijpen, dat de godin Isis dacht, dat zij in den geest +van Osiris handelde, als zij dien wilden eenige begrippen bijbracht, +thuis behoorend in beschaafde maatschappijen. Wie niet gelooft, +dat de groote godenmoeder Isis zulk een gedachte heeft gehad, moet +dan maar denken aan de scheppers der legende, aan de priesters, die +zich den zegen van het bijgeloof der menschen ten nutte maakten, door +datzelfde bijgeloof te doen strekken tot den algemeenen vooruitgang +der maatschappij. + +Abydos was dus nooit een groote stad, de resten van de oude plaats, +die nog ten deele door de moderne dorpen worden ingenomen, toonen dat +voldoende aan. De stad strekte zich in de lengte van het Noorden naar +het Zuiden uit langs de zandige strook naast het gebergte, die dat +laatste volgt in zijn bochten en krommingen, over een afstand van +één of anderhalven kilometer, ter breedte van niet meer dan 300 of +400 M. Er was deze bijzonderheid, dat de stad der dooden en die der +levenden één waren. De kleine huizen, opgetrokken van ruwe steenen +of van aarde, drongen zich tegen elkander aan, als om in elkanders +schaduw te staan en de warmte te ontvlieden. + +Enkele weinige tuinen met hun naar den hemel strevende palmen en de +andere in het land te huis behoorende boomen waren het eigendom van de +gelukkigen, die in de gunst waren van den regeerenden vorst. In de stad +Abydos, juist als in alle egyptische steden, kende men een adel met +klinkende namen, zonneschermdragers, die rechts van den koning gingen, +groote profeten van de verschillende hoogvereerde goden uit de stad +en uit de hoofdstad der provincie, namelijk uit Thinis, hoofden ook +van alle werken, die de Pharao's ondernamen, koninklijke goudsmeden, +graveurs en beeldhouwers, die groote verdiensten heetten te hebben; +maar al die titels hielden geen gelijken tred met de rijkdommen der +personen, en de menschen uit Abydos leefden zoo goed zij konden, +hoofdzakelijk van roof. Ofschoon verwoesting en plundering van bijna +alle monumenten, door de egyptische kunst gebouwd en versierd, ten +allen tijde een endemische ziekte zijn geweest en overal voorkwamen, +kan geen andere plaats er zich op beroemen, Abydos in dat opzicht te +zijn vóór geweest. + +De doodenstad is daar, om het te bewijzen; de plunderaars hebben er in +alle tijden weggehaald, wat vorige geslachten er met de grootste zorg +hadden verborgen, en de fout kwam voor, zoo wel boven als beneden +aan de maatschappelijke ladder. Hooge officieren van den koning, +priesters van Osiris, waren er niet voor teruggedeinsd, de dooden ten +eigen bate te berooven, en menig graf heeft twee- of driemaal voor +verschillende familiën gediend, of wel, als men de fijnheid van geweten +tot waarlijk buitengewone hoogte wilde opvoeren, nam men de steenen, +keerde ze om en graveerde op de vrijgelaten zijde de titels, waar de +nakomelingschap prijs op kon stellen. Indien in 't vagevuur vóór den +heiligen rechterstoel van Osiris de twee-en-veertig assessoren van den +god en de god zelf onverbiddelijk zijn gebleven voor diegenen, die de +misdaad van gravenschennis hadden begaan, zullen zeer weinig inwoners +van de heilige stad genade hebben gevonden voor den Heer van het +heelal, of zij moeten een middel hebben geweten, om den Onomkoopbare +om te koopen, wat niet verbazingwekkend zijn zou in het Nijldal. + +De groote godsdienstige gebouwen, die te Abydos de vroomheid der +beroemde Pharao's had opgericht, zooals de tempel van Osiris, die +van Seti I, van Ramses II, om slechts de bekendste te noemen, waren +zelf niet veilig voor de roofzucht, die als een ziekte rondging, +en, wat eerst verrassend schijnen zal, maar wat toch niet behoeft +te verbazen, zij, die de eersten waren om 't verkeerde voorbeeld te +geven, waren de opvolgers der Pharao's-oprichters. De tempel van +Seti I bijvoorbeeld werd voor een deel geplunderd door Ramses II, +den eigen zoon van Seti, en daar hij het werk niet volledig genoeg +had volbracht, deden zijn opvolger en anderen, zooals hij gedaan had, +zoodat de tempel, die nooit geheel voltooid werd, platen vertoont van +drie of vier koningen, die zich de een na den ander de eer toeëigenen, +hem onvoltooid te hebben gelaten. + +In de jaren, die volgden toen de plechtigheden van den eeredienst +nog slechts voor een gedeelte werden uitgevoerd, oordeelden de +priesters het goed, zoo dicht mogelijk bij de plaats, waar zij hun +werk uitoefenden, zich te vestigen en in den heiligen tempel te +gaan wonen. Het was ook op zulk een heilige plek, dat de dweepzieke +monniken, die het egyptisch christendom beleden, hen vonden, toen +zij het vorstelijke, gewijde gebouw vernielden, en drie-en-twintig +priesters onder het puin begraven werden. Het kan dus niet verwonderen, +dat de lagere volksklasse, het voorbeeld volgend van de geestelijken, +er haar leemen hutten bouwde en de heilige plaatsen op alle mogelijke +manieren ontwijdde, zoodat deze ten slotte nog voor een deel gespaard +zijn gebleven door de vuilheid en de onverschilligheid der bewoners. + +Toen dan ook Mariette in 1859 de ontgraving begon van de gebouwen +van Abydos, moest hij eerst de bewoners uitdrijven, die er sinds +onheuglijke tijden woonden, en hij heeft nog niet eens alles gedaan, +wat er te doen was, want de eerste groote zaal van den tempel van Seti + I ligt onder een puinheuvel, waar nog steeds de woningen op staan, +die men er gebouwd heeft. + +Abydos nam zonder eenigen twijfel deel aan het eerste ontluiken van +het Egyptische rijk in den historischen tijd; maar vóór dien van +wel zestig eeuwen vóór onze jaartelling dagteekenenden tijd, was de +plaats reeds bevolkt, zooals ik heb gezegd, en ook reeds eenigszins +gevorderd op den weg van de beschaving. Daar kan men niet langer aan +twijfelen, na wat ik er heb voor den dag gebracht en na wat anderen +er later hebben gewerkt. + +Zoo men van die alleroudste tijden zeer weinig weet, een tijd +nog vijftien à twintig eeuwen den vroeger genoemden voorafgaand, +toch weet men reeds veel over de vreedzame of oorlogszuchtige +gewoonten van de menschen, die in Abydos leefden. Aan de kunst werd +er met merkwaardig succes gedaan; de industrie maakte er prachtige +vorderingen. De voorwerpen, die de opgravingen hebben aan het licht +gebracht, pleiten daar sterk voor en toonen aan, dat men reeds in dien +zeer vroegen tijd het hieroglyphenschrift had uitgevonden. Dezelfde +onzekerheid bestaat ook thans nog omtrent de gebeurtenissen, die men +historisch noemt onder de eerste dynastieën; men weet intusschen, dat +de dienst van Osiris er reeds gevestigd was en er werd uitgeoefend, +dat men een groote rechthoekige vesting had moeten maken, die nog +bestaat en die men tegenwoordig de Schoenet-eg-Zibib noemt. + +Toch moet men tot de 6_de_ dynastie opklimmen, om in de historie van +Abydos namen te vinden, die tot ons gekomen zijn en die een waardige +plaats hebben ingenomen in wat men de geschiedenis der menschheid +noemt. Dank zij den talrijken zuilen, die Mariette bij zijn opgravingen +vond, kennen wij enkele gebeurtenissen uit de geschiedenis van Abydos, +en enkele hooge ambten, toevertrouwd aan leden der bevolking van het +stadje. De talrijke egyptische bureaucratie had er zich als overal +elders ontwikkeld, en men vereenigde er ook reeds burgerlijke en +geestelijke ambten, alsof de brave geloovigen van dien tijd reeds +hadden overwogen, dat God te dienen wel iets is, maar dat den Pharao +zijn diensten te bewijzen, hem, het beeld van den onzichtbaren god, +echten afstammeling van den in het niet der tijden teruggezonken +heer, nog veel beter was, want de een kon niets geven, en de andere +daarentegen gaf zeer veel, daar de tempels, ofschoon ze rijk begiftigd +werden en met tijdelijke goederen werden gezegend, van den Pharao +afhankelijk waren. + +Onder de 6_de_ dynastie wist een der inwoners van Abydos, Oena genaamd, +iemand, die op een der laagste sporten stond van de ladder der eere, +zich op te werken tot den hoogsten post, die ooit aan een eenvoudig +sterveling was toevertrouwd. Onder de sprekendste feiten van zijn +bestuur noemt die gelukkige sterveling, die eerste minister werd, +de omstandigheid, dat een der Pepi's van de zesde dynastie het bevel +gaf, een leger bijeen te brengen, waarover hij bevel zou voeren, +om de volksstammen te gaan bestrijden, die reeds vaste woonplaatsen +hadden, die steden bezaten, velden, waar de oogst rijpte, en tuinen +met wijngaarden en olijfboomen. Oena, aan de spits van zijn leger, +drong binnen in het land der Heroesjaïtoe, de "meesters van het +zand", verwoestte het, vernielde de steden en het menschenwerk, velde +vijgenboomen en wijndruiven, verbrandde wat hij niet op andere manier +vernietigen kon, lichtte mannen, vrouwen en kinderen op, "wat zijn +meester nog meer genoegen deed dan al het andere", en in den zegezang, +dien hij op zijn grafzuil liet graveeren, werd al het ongeluk, dat +hij had gebracht over den weerspannigen en onwilligen volksstam, +zooveel geluk voor hemzelven, wat hij uitdrukt in deze woorden: +"Dit leger ging in vrede heen", terwijl het verwoestte en doodde en +in slavernij wegvoerde alles, wat door het zwaard was ontzien. + +Als belooning voor zooveel geluk en succes werd de roemrijke Oena +benoemd tot gouverneur van Boven-Egypte en genoot de groote eer, +van voor den Pharao te mogen verschijnen met sandalen aan zijn +voeten. Hij had zijn tijd en zijn kracht vrijwillig gegeven, had +zijn leven bij honderden gelegenheden in de waagschaal gesteld en +achtte zich voldoende beloond! Als de menschen uit onze dagen niet +anders dan die eer tot belooning kregen, zouden zij zich stellig niet +zooveel moeite geven als de oude Oena. + +Na die overmaat van eer voor een bewoner van Abydos daalt er nog eens +stilte neer op de geschiedenis van de stad van Osiris, en men moet +tot de 12de dynastie gaan onder het middelste egyptische keizerrijk, om +de stad Abydos weer in bloeienden staat aan te treffen. Te dien tijde +had het gezins -en familiegevoel een groote ontwikkeling gekregen; +een behoefte aan rechtvaardigheid en gelijkheid scheen zich van alle +weldenkenden te hebben meester gemaakt. + +Inderdaad begonnen de bewoners van Abydos toen, evenals nog heden +ten dage het geval is, groote clans te vormen, door het hoofd der +familie met vaste hand en met liefde bestierd, maar zóó, dat die +liefde niet de grenzen overschreed van eigen woonplaats, en tegenover +de andere familiën van de maatschappij was zulk een hoofd bezield met +de gevoelens, die Robert Macaire in zijn land had voor de menschen +uit zijn tijd. + +Onder de regeering van de 12de en 13de dynastie had Abydos veel +rijkdommen en een hoogen rang verkregen. Dat viel terstond in het oog, +want veertig jaren later kon men in de doodenstad de mastaba's zien +met kleine, witte pyramiden erboven als tenten van het leger van den +dood, waar deze domicilie had gekozen in de buurt der stad van Osiris. + +Men moet dan voortschrijden tot de 19de dynastie, om Abydos weer +tot een periode van bloei te zien komen. Het is niet uit te maken, +of de stad vóór Seti I geen tempels en andere groote monumenten +bezat; er waren er zeker wel. De tempel van Osiris, heer van Abydos, +bestond reeds bij den heuvel zooals tegenwoordig, onder den naam +_Kom-es-soeltan_, dat is "de heuvel van den Sultan", waaruit +ik meen te moeten begrijpen: den heuvel van den heer van Abydos, +Osiris. Maar die tempels waren zeker niet van natuursteenen gebouwd, +want steenen, die voor architectorale gebouwen gebruikt kunnen worden, +zijn schaarsch in het bergland van Abydos. Men heeft daar niet anders +dan losse zandsteen, die zich niet goed voor versiering leent, en om +andere materialen van grooten afstand te laten komen, moest men nog +iets meer dan welwillendheid voor Abydos gevoelen. + +Wel natuurlijk dus, dat alle bouwwerken, die men te Abydos tot den +eersten of tweeden keizertijd moet rekenen, van gebakken steenen +zijn. Seti I liet voor het allereerst een tempel oprichten geheel van +zandsteen of van kalkgesteente. Het gebouw, dat verrees ter eere van +de goden en de vorsten, die hem waren voorafgegaan op den dubbelen +troon van het dubbele Egypte, is niet alleen een wonder van bouwkunst +en inrichting, maar ook van echte kunst van allerlei aard. + +De Pharao had er alle schatten van Egypte aan ten koste gelegd, +kunstschatten en materiëele schatten. Niet enkel verblindde het goud +het oog, zooals het in overvloed was aangebracht in de gouden zaal, +waarvan de muren, de zuilen, de zoldering elkander den matten glans +van het kostbare metaal toezonden, doch bovendien straalde het +geheele gebouw in kunstglans door de schoone basreliefs, die alle +muren bedekten en die tot de schoonste voorbeelden der decoratieve +kunst in Egypte behooren. + +Het is niet waarschijnlijk, dat de inwoners van Abydos ooit hebben +begrepen, hoe groot de eer was, door den Pharao Seti I hun stad bewezen +door den bouw van dien tempel op hun gebied; maar wat zij wel duidelijk +inzagen, was het voordeel, dat zij zouden hebben van de pelgrims, +door het wonder naar hun stad gelokt, en van de prachtige feesten, +die binnen het rijke gebouw zouden worden gehouden. + +Toen de leidende gedachte, die bij den bouw van den tempel had +voorgezeten, verloren was gegaan met den dood van Seti I, was het +gebouw nog niet voltooid. Ramses II was, zooals ik reeds gezegd heb, +de eerste, die aan het werk van zijn vader roof pleegde, die het zonder +schaamte bedierf, zooveel hij kon, door het onvoltooid te laten in +die gedeelten, die men niet bij den eersten aanblik bemerkte, en waar +alleen de hooge personnages van hof en geestelijkheid binnentraden, +meestal dezelfde personen. + +De tempel van Seti I is niet de eenige uit Abydos; Ramses II moest er +wel uiting geven aan zijn bouwmanie. Hij heeft er inderdaad een tempel +doen verrijzen, die zijn naam draagt, en die ondanks de historische +tooneelen, op de muren aangebracht, een duidelijk getuigenis aflegt +van de minderwaardigheid der kunstenaars, aan wie de versiering +werd opgedragen. + +Hij beperkte zijn eerzucht niet tot een bleeke navolging van het +vaderlijk paleis, hij liet ten zuiden van den Kom-es-Soeltan een +tweeden tempel bouwen ten westen van den tempel van Osiris; maar hij +had de onvoorzichtigheid, die beide gebouwen van kalksteen te laten +optrekken, en nu is er bijna niets meer van overgebleven, daar de +kalkbranderijen er bruikbaar materiaal in vonden voor hun industrie. + +Buitendien bouwde hij te Abydos een kleine kapel dichtbij het +westelijke gebergte, middenin de doodenstad. Daarvan is nu niets +meer over dan het gebroken voetstuk van een kolossaal beeld van +Nekhao. Abydos is dus uit het oogpunt van monumenten in 't geheel niet +te vergelijken met enkele andere steden, zooals Thebe bij voorbeeld, +omdat Memphis is verwoest; wat dit betreft, kan men de stad niet +op één lijn stellen met de beide hoofdsteden van het oude Egypte; +maar van het standpunt der decoratieve kunst, der intieme kunst, +die tot het hart meer spreekt dan tot het verstand, is Abydos zonder +weêrga in geheel Egypte, en alle reizigers, die den tempel van Seti + I hebben bezocht, zijn onder de bekoring gekomen en hebben van daar +de levendigste herinnering aan hun reis in Egypte medegenomen. + +Doch wat het meest bewonderenswaardig was in Abydos, was zijn +reusachtige doodenstad, necropool van meer dan twee mijlen lengte +bij een gemiddelde breedte van ongeveer een kilometer. Daar zijn, +het eene na het andere, alle geslachten ter ruste gegaan, die sinds +het ontstaan der stad in Abydos hebben geleefd. Mariette heeft +er negentien jaren aaneen opgravingen gedaan; hij hield ermee op, +omdat het werk hem tegenstond, juist op een plek, waar het bijzonder +interessant werd; maar de doodenstad had hem bij de vijftienhonderd +gedenkzuilen opgeleverd, die op hun manier de geschiedenis van de +stad bevatten. En toch, hetgeen Mariette vond in de negentien jaar, +door zijn opgravingen ingenomen, gevoegd bij hetgeen men onlangs +heeft gevonden, is slechts een zeer klein, ongelukkig gedeelte van +de rijkdommen, die er begraven waren. De inboorlingen zijn, van den +ouden keizertijd af tot op onze dagen, de grootste vernielers der +monumenten geweest; er is geen enkel graf in deze doodenstad, dat +niet geschonden is, zoo het niet twee keer aan roof heeft blootgestaan. + +Maar het is recht en billijk, naast die eerste oorzaak van verwoesting, +die terstond moet opvallen, een tweede te stellen, namelijk de +dweepzucht der christenen, die even ruw en dom en bijgeloovig te werk +gingen, en vooral van die christenen, die reikhalzend naar een leven, +dat volmaakter moest zijn dan dat van andere stervelingen, schitterende +daden wilden doen, waardoor ze op eenmaal zouden uitmunten boven hun +gewone medemenschen. Wat de christelijke monniken al kwaads hebben +gedaan in Egypte en vooral te Abydos, is eenvoudig onberekenbaar, en +ik wil nu nog alleen spreken van den roof, gepleegd aan de grootsche +bouwwerken, door het genie van 't oude Egypte nagelaten aan de +bewonderende nakomelingschap. Hun domme woede keerde zich vooral +tegen de groote beelden der groote goden, alsof die kunstwerken den +nieuwen god, in wien zij geloofden, op zijn troon zouden hebben kunnen +doen beven. + +Tot de zesde eeuw van onze jaartelling was Abydos zoo goed +als bevrijd gebleven van den ijver der christenen, ofschoon +de monumenten niet voltooid waren en niemand acht sloeg op hun +verval en ofschoon de inboorlingen, die behoefte hadden aan goud +en zilver, en de geslachten, die elkander rijkdommen betwistten, +vernield hadden wat zij konden. Toch werd er in de tempels, vooral in +dien van Seti I nog dienst gehouden, en een deel der pracht was in +stand gebleven. Vreemdelingen kwamen van heinde en ver de wonderen +zien, en ten bewijze van hun bewondering namen ze de toevlucht tot +kleineering van wat zij bewonderden, door te schrijven op de muren, +op de voorstellingen der godentafereelen, zelfs in de geheimste +kapellen. Daar prijkten dan hun aanmatigende, onbeduidende namen als +schitterende blijken van hun dwaasheid. Ondanks die parasietische +vereering, die altijd toenam, was de tempel van Seti I nog zetel +van den pharaonischen eeredienst, dat is van den dienst, dien heel +Egypte voor zijn grootste koningen hield en die hier vooral den vader +van Ramses II betrof; de plechtigheden legden nog op veel personeel +beslag, toen tegen de eerste jaren van de zesde eeuw een monnik, +die zijn klooster ten noordwesten van de stad gebouwd had en die +Mozes heette, met één slag èn den tempel èn den eeredienst, dien men +den ouden koningen van Egypte wijdde, wilde vernietigen, zoowel +als den invloed, dien de aan den tempel verbonden geestelijkheid +nog bezat. Het was een grootsche strijd, en de dweepzieke monnik +wist de zege te behalen. Op een dag van bloed en tranen ging de +schijnheilige Mozes bidden, riep den toorn van zijn god in over den +tempel en de priesters van den tempel, en even daarna schudde een +aardbeving het huis tot in zijn diepste diepten, en alles stortte in, +waarbij drie-en-twintig gewone en zes hooge offerpriesters omkwamen. + +Als men dat zoo vertelt, lijkt het een wonder; maar de werkelijkheid +is anders geweest. De monniken, geleid door hun opperhoofd Mozes, +kwamen uit het Noordwesten; zij openden een bres, wat betrekkelijk +gemakkelijk was, en, gewapend met zware ijzeren staven, beproefden +zij, in grooten getale opgekomen en gerecruteerd uit alle aanhangers +der nieuwe leer, die zich in de stad bevonden, een aanval. Op de +stevige steenen van het gebouw vermocht de brand niet veel, maar de +schilderingen op de muren werden een gemakkelijke prooi van het vuur, +en al wat zij verder konden vernielen, bezweek onder de slagen. + +Toch stieten zij op weerstand, en hoewel de tegenstanders een +gruwelijken dood stierven, ook de dweepzieke bende had veel verliezen +te lijden. Als men nog maar kon denken, dat het vernielingswerk +plaats had in een oogenblik van toorn en opgewekte volkswoede! +Maar de vernielingsarbeid duurde een heelen tijd, de woede was al +lang bekoeld, toen nog de dweepzucht bleef gelden. + +Te midden van de oude pracht, die zooveel herinneringen wekt, +doorleefde ik een viertal winters. Het moderne leven der bewoners +van Abydos was niet zoo begeerlijk voor mij, dat het mij weg kon +lokken van de oude ruïnen. Elken dag en ieder oogenblik werd mijn +aandacht getrokken door tooneelen uit de oudheid, die hun stempel +hebben gedrukt op de tegenwoordige geslachten. + +De dorpen, die thans verrijzen op de plek der oude stad van Osiris, +zijn altijd in twee kampen verdeeld, dat der heftigen en dat der +vreedzamen. Set heeft zelfs nog meer aanhangers dan de goede god, +Osiris. De heftigen zijn goed georganiseerd onder leiders, die +even slim zijn als geveinsd. Er bevond zich tijdens mijn verblijf +in Abydos een bende boosdoeners, die werkte onder eene bij allen +bekende leiding. Zij verwoestten het land tien mijlen in den omtrek, +en de plaatselijke autoriteit onderhandelde met die menschen, blij, +dat ze er met weinig kosten af was en daarbij nog haar deel ontvangend +van den buit, door nachtelijke expedities opgebracht. + +Als de leden van de bende van iemand in den omtrek hoorden spreken, +die door slimmen handel en groote spaarzaamheid eenig geld had gewonnen +en het zoo goed mogelijk had verborgen, en hun spionnen waren daarvan +spoedig op de hoogte, dan begaven zich zestig of tachtig man, met +goede geweren gewapend, naar de plek, sloten de huizen in, verwekten +schrik en angst in de nabuurschap, traden overal binnen, zonder verlof +te vragen en maakten zich van de begeerde schatten meester, alsof dat +de eenvoudigste en billijkste zaak ter wereld was. Tijdens mijn derde +verblijf plunderde die schrikwekkende bende een huis in een dorp, ten +noorden van Abydos gelegen, en dreigde den oudsten zoon van het gezin, +hem in stukken te snijden, als hij niet aanwees, waar zijn vader zijn +geld bewaarde. De zoon hechtte meer aan zijn leven dan aan het geld, +zooals te begrijpen is; hij wees den boosdoeners wat zij zochten, +en de schurken trokken af met hun buit. + +Zij gingen toen hun plunderingen zuidelijker vervolgen, en toen +daar de man, op wiens geld zij het voorzien hadden, erin slaagde te +ontvluchten, doodden zij hem den volgenden dag. Deze beide voorvallen +hadden plaats in een tijdsbestek van veertien dagen. De plaatselijke +autoriteit, ik bedoel den provincialen gouverneur, werd opgeschrikt +door deze voorvallen en schreef een enquête uit, terwijl hij een bezoek +ter plaatse bracht. De justitie kwam in beweging; er werd geschreven +aan het hoofd der politie van het district, die op zijn beurt den +magistraat van Abydos interpelleerde; en deze waardige man had niets +haastigers te doen, dan de misdadigers te waarschuwen, dat zij al, +wat tegen hen kon pleiten, moesten opruimen. Den volgenden dag kwam de +politie, en de dieven en moordenaars hadden de volledigste ontkenningen +klaar en de duidelijkste muzelmansche onschuld, in hun vuistje lachend +om het gek figuur, dat de ambtenaren der regeering maakten. + +Naast deze aanhangers van Set staan dan de aanhangers van Osiris, waar +de eersten altijd mee lachen, nu zoowel als vroeger. Die vreedzame +luidjes leverden het hoofdcontingent der werklieden bij de door +mij geleide werken; maar ook zij zijn aangestoken door de leer van +Osiris' tegenstander, zij hebben slechts matigen eerbied voor eens +anders eigendom. Zij betoonden mij grooten eerbied, dankbaar dat ik +hun iets liet verdienen, en soms noodigden ze mij uit, om enkele +voorstellingen bij te wonen, gelijk aan die, welke op de graven +waren afgebeeld, zoodat ik mij kon voorstellen, dat de godin Isis, +de groote toovenares, nog altijd zooveel macht had als haar in 't +verleden werd toegeschreven. + +Wanneer ik des avonds thuis kwam, en hun dagtaak was volbracht, +vergezelden ze mij al zingend, en als ik mijn verbeelding den vrijen +loop liet, kon ik mij een zegevierenden intocht voorstellen in mijn +goede stad Abydos. Indien bij het werk dien dag een goede vondst was +gedaan van een of ander forsch steenen monument, brachten ze dat in +mijn huis en trokken het met zestig of honderd man op een slede aan een +touw voort, hun schreden afpassend naar de maat eener oude melodie, +tevreden en gelukkig in hun armoedig bestaan. Bij het werk zag ik +de opzichters nog dezelfde slagen toedienen met dezelfde zweepen, +als er op de oude basreliefs te zien waren. + +De zwarte aarde van Egypte heeft maar één gebrek: dat zij haar eigen +bewoners zoo slecht voedt; maar overigens is dat land een aardsch +paradijs. De natuur schenkt er, wat men maar wenschen kan. Zij biedt +de allerschoonste tooneelen aan, en als des avonds de zon achter +de bergen was verdwenen, was de stille rust van den schoonen nacht +heerlijke balsem voor de ziel. Men zou hier eeuwig hebben willen leven. + + + + + + +Een kijkje op de Tentoonstelling te Milaan + +Door PH. J. KETNER. + + +_Settimana di gloria_!--Wie had vóór eenige weken, toen de geweldenaar +aan de golf van Napels dood en verschrikking bracht over het land; +toen de Natuur, die Italië zoo mild heeft bedacht, die er zoo veel in +schoonheid heeft hersteld en geheeld, wat door den Tijd was getroffen, +met wreede hand in weinige uren in een woestenij verkeerde de velden +en gaarden die de menschen door jarenlangen noesten arbeid in het +zweet huns aanschijns tot vruchtbare landouwen hadden weten te maken; +toen 1906 óók voor Italië een rampjaar dreigde te worden,... wie had +toen durven denken, dat zóó kort daarop in datzelfde land een week +van glorie zou aanbreken als inzet van een jubelfeest ter eere van +de overwinning van den mensch _op de natuur_!? + +Maar Italië is altijd het land van scherpe contrasten en snelle +overgangen geweest, en geen natie ter wereld die zich zoo spoedig over +leed en ellende heenzet als dit lachende volk onder zijn lachenden +hemel! + +En zóó kwam het, dat, terwijl in het zuiden van het land de nood- +en doodsklokken nog luidden en rouwwaden werden gespreid in kerken en +huizen, in het noorden al weêr de beiaard jubelklanken deed trillen +door de lucht en het rood-wit-groen met het witte kruis van Savoye +werd ontplooid ten teeken van nationale vreugde. + +Ginds de mensch stil, nietig, verslagen, machteloos tegenover de +vreeselijke, ontembare werking der natuurkrachten; hier de trotsche +overwinnaar, zich van zijn genie en heerschappij over de stof bewust, +met bazuingeschal de gansche wereld toegalmend: _Milano a nome d'Italia +chiama le genti a le pacifiche gare del lavore_; "Milaan roept in naam +van Italië de volkeren op tot den vreedzamen wedstrijd van den arbeid". + +Wèl mocht Milaan die eer voor zich opeischen! + +Want meer dan in eenige andere stad van Italië treden in deze +metropolis de _mensch_ en _das Gebild der Menschenhand_ op den +voorgrond. En altijd zal den reiziger die van over de Alpen Italië +binnenkomt treffen de tegenstelling tusschen de gewijde stilte en de +majesteit van het hooggebergte, waar de Natuur heerschappij voert en +de wufte, wereldsche drukte, inhaerent aan den eeredienst van den +mensch, in de stad, waar alle groote volkerenstraten, die Noord en +Zuid verbinden, hun eindpunt vinden. + +In Milaan klopt het hart van het herboren Italië; noemde Plinius +de stad, waarover Cicero, de groote redenaar, eens als stedehouder +regeerde, reeds "het nieuwe Athene", thans mag zij de geestelijke +en zedelijke hoofdstad van Italië genoemd worden. Na de overwinning +der Fransch-Piëmontsche wapenen op de Oostenrijkers bij Magenta in +1859--vereeuwigd in het prachtige ruiterstandbeeld op het reusachtige +Domplein, een der schoonste van Europa, dat Victor Emanuel II +voorstelt midden in het gevecht, zijn paard inhoudend om bevelen +uit te deelen--heeft de stad, bevrijd van het vreemde juk, zich snel +ontwikkeld tot een centrum van handel en nijverheid. + +Milaan is de _werk_stad van Italië; drie machtige bondgenooten hebben +haar daarbij geholpen om de positie te veroveren, die zij thans onder +de eerste steden van het Apenijnsche schiereiland inneemt. Deze "triple +alliantie" bestaat uit: het verstand, de werkzaamheid en het geluk. + +Aan die drie elementen dankt Milaan zijn enorme uitbreiding en zijn +toenemende welvaart. + +De stad telt nu meer dan een half millioen inwoners en is het +middelpunt van het intellectueele en artistieke leven van dit begaafde +volk; de verzamelplaats van tal van zangers, toonkunstenaars en +tooneelspelers uit alle landen der wereld; hier is de markt voor +impressario's en operadirecties. Maar boven alles verheugt zich +de industrie hier in hoogen bloei. Milaan is het middelpunt van de +Lombardijsche zijdeweverijen, die haar grondstof te danken hebben aan +de duizenden moerbeiboomen in deze vruchtbaarste laagvlakte van Europa +met wier bladeren de zijdewormen zich voeden. Ook fluweel, tapijten, +papier en gummi vormen hier belangrijke export-artikelen, terwijl +uitgevers als de gebr. Treves en de firma Sonzogno een Europeesche +vermaardheid genieten. + +Moet men niet toegeven dat alle omstandigheden Milaan hebben +voorbeschikt om binnen zijn muren (in letterlijken zin, want de +oude wallen met hun trotsche poorten zijn, schoon tot lommerrijke +plantsoenen aangelegd, nog in stand gehouden), temidden van zijn +eeuwenoude _palazza's_, zijn indrukwekkende baselieken en prachtige +monumenten, en in de schaduw van zijn machtigen Dom--kostelijkste +nalatenschap van de christelijke kunst!--de eerste internationale +tentoonstelling aan deze zijde der Alpen te herbergen?... + +Trouwens, de aanleiding tot het houden der tentoonstelling knoopt +zich onmiddellijk vast aan de commercieele belangen van Milaan. + +In 1881 opende het, onder de auspiciën van den beminden Umberto I, +de nationale tentoonstelling ter viering van de voltooiing van het +reuzenwerk van den _St. Gotthard_-tunnel en thans, na 25 jaren, is het +op nieuw het tooneel van een uitgebreider en grootscher feest van den +arbeid, met medewerking van de bevriende natiën tot stand gebracht, +ter eere van de opening van den nog belangrijker _Simplon_-tunnel. + +Naast de steden van West-Zwitserland (vooral Genève) zal Milaan toch +de meeste vruchten plukken van de totstandkoming van dezen tweeden +tunnel tusschen Zwitserland en Italië, want het groote vervoer langs +dezen nieuwen en hoogst noodigen verkeersweg, die het spoorwegtraject +Parijs-Milaan b.v. met 83 K.M. zal verkorten, zal ten slotte op Milaan +uitloopen, zoo goed als het de terminus is van het enorm-drukke vervoer +langs den St. Gotthard-spoorweg van alles wat via Basel-Luzern naar +het zuiden stroomt. + +Het feest van den Simplontunnel mag dan ook het feest van de stad +Milaan genoemd worden, maar tevens jubelt Italië, dat van den nieuwen +verkeersweg een belangrijke uitbreiding zijner handelsbetrekkingen, +vooral met Frankrijk, verwacht, daarmeê ten aanhoore van heel de +wereld uit zijn vooruitgang en zijn bloei, zijn gevoel van verjongd +leven, zijn geloof in de toekomst onder de bezielende leuze: _Sempre +avanti l'Italia!_ + + + +Het tentoonstellingsplan dateert eigenlijk reeds van 1901. De werken +van den Simplontunnel, in Augustus 1898 aangevangen, zouden in 5 jaar +gereedkomen, dus in begin 1904. Voor een goede voorbereiding was men +dan ook niets te vroeg. De ondernemers van den tunnelbouw--omtrent +welk werk indertijd een geïllustreerde beschrijving in deze kolommen +is opgenomen--de heeren Brand, Brandon en Co., hebben echter met +reusachtige moeilijkheden te worstelen gehad, waardoor de arbeid +telkens werd vertraagd en de opening herhaaldelijk moest worden +uitgesteld. + +Het tentoonstellingsplan ondervond daarvan den terugslag en zoo +werd het daarmee een ware lijdensgeschiedenis, die het, zoo al +niet verschoonbaar, dan toch verklaarbaar maakt, dat er allengs +een stadium van verslapping aanbrak, dat zich, toen de solemneele +ure naderde, begon te wreken in eindelooze verwarring en hopeloozen +achterstand. De uitbarsting van den Vesuvius werd aangegrepen als een +welkom voorwendsel om de opening nog een 8 dagen uit te stellen, maar +eindelijk begrepen de Italiaansche leiders toch, dat zij er met een: +"_Fortuna, e dormi!_", "heb geluk en slaap maar!" niet komen zouden. En +zoo zag ik, in die dagen van de barensweeën der tentoonstelling reeds +hier aanwezig, bevestigd wat een landgenoot, die hier reeds jaren woont +en het volkskarakter uitnemend kent, mij voorspeld had: "In de laatste +dagen, als 't er op aankomt, zult gij de Italianen wonderen zien doen." + +Inderdaad, toen de dag der plechtige opening dáár was, scheen het of +goede feeën in de stilte en de duisternis van den nacht rondgezweefd +hadden over de terreinen en met tooverstaven in het leven hadden +geroepen, wat luierende werklieden die liever in het zonnetje lagen +te slapen en soldaten die wel onder tucht werkten maar wier handen +verkeerd stonden voor dezen ongewonen arbeid, maar niet klaar konden +krijgen, al stonden de commissieleden er ook handenwringend bij. + +Het Uitvoerend Comité mocht van geluk spreken, dat het zóó ... den +schijn wist te redden! + +Trouwens, de kunst om het uiterlijk op te houden verstaan de Italianen +uitnemend! + +En wie zou niet gaarne veel vergeven aan een volk, dat, bij al zijn +gebreken, zoo nauw verband houdend met zijn aard en opvoeding, aan +den anderen kant zulke voortreffelijke eigenschappen toont!?... + +Want te ontkennen valt het niet dat de tentoonstelling, zooals +zij zich daar nu voordoet, getuigt van het scheppingsgenie en den +hoog-ontwikkelden smaak der Italianen. + +Zoowel in uitgebreidheid als in conceptie maakt de tentoonstelling +een grootschen indruk. Indien men voor haar een ligging had kunnen +vinden, zoo schilderachtig als de oevers van de Seine in Parijs +en van de Maas in Luik, dan ware het panorama van deze tooverstad, +marmerwit als het _Lipara_, dat Couperus' kunstenaarsoog zag, onder +Italië's diepblauwen hemelkoepel met de intense lichtschittering van +de zuidelijke zon onvergelijkelijk heerlijk geweest. + +Het oorspronkelijk tentoonstellingsplan omvatte alleen het +transportwezen: spoorwegen, scheepvaart, rijwielen en automobielen, +luchtballons enz. Maar als gewoonlijk groeide het spoedig den +ontwerpers boven het hoofd en kreeg het een omvang als men nimmer had +vermoed of bedoeld. Decoratieve kunst, schilder- en beeldhouwkunst, +kunstnijverheid, landbouw en vischteelt, telegrafie en telefonie, +hygiëne, coöperatie en verzekeringswezen, dat alles werd in het +definitieve plan opgenomen, welks uitvoering ruim 12 millioen +lire heeft gekost. En naast die permanente tentoonstelling zullen +nog tijdelijke tentoonstellingen gedurende de zomermaanden worden +gehouden van voedingsmiddelen, chemische en pharmaceutisehe producten, +fotografie, muziek-instrumenten, jachtwapenen enz. + +Het eenige, wat deze internationale tentoonstelling dan nu ook +onderscheidt van een _wereld_-tentoonstelling, dat is haar _niet +algemeen_ karakter; de groot-industrie bv. is tot veler teleurstelling +buitengesloten, daar slechts machines van een beperkt aantal +paardenkrachten in gebruik bij de kunstnijverheid mochten ingezonden +worden, terwijl in eenige afdeelingen, o.a. in die van schilder- +en beeldhouwkunst, geen internationale mededinging is toegelaten, +een maatregel die de beteekenis dezer sectie niet heeft verhoogd. + +In uitgestrektheid doet de Milaansche tentoonstelling echter niet +onder voor die van Luik en Düsseldorf, welke wereldtentoonstellingen +werden genoemd; zij heeft een grootte van 980,000 M_2_, terwijl de +overdekte hallen tezamen een oppervlakte beslaan van 245,000 M_2_, +verdeeld over 125 groote gebouwen en kleinere paviljoenen. + +Teneinde den lezers eenigszins een maatstaf ter vergelijking te geven, +wil ik er hier aan herinneren, dat de Luiksche wereldtentoonstelling +van 1905 een terrein van 11 H.A. besloeg met een overdekte ruimte van +110,000 M_2_; het aantal gebouwen en paviljoenen bedroeg in Luik 98. + +In een stad, geheel in de vlakte gelegen en met oude vestingmuren +omringd, viel het niet gemakkelijk voor een zóó groote tentoonstelling +een geschikt terrein te vinden. De ruimte van het binnen de enceinte +gelegen Park bood nauwelijks een derde van de oppervlakte die men +noodig had. De aandacht viel toen op het buiten de bastions gelegen +exercitieterrein van Milaan's groote garnizoen, de _Piazza d'Armi_, +maar ook dit was nog te klein. Toen kwamen de ingenieurs op het +lumineuze denkbeeld om de beide terreinen, door een nieuwe stadswijk +van niet geringen omvang van elkander gescheiden, in gebruik te nemen +en ze onderling te verbinden door een electrischen spoorweg over een +viaduct, bijna lijnrecht loopend van het midden van het eene naar +dat van het andere. + +Met medewerking van de militaire en burgerlijke autoriteiten slaagde +dit plan volkomen. En daaraan is het nu te danken, dat de hoofdingang +van de tentoonstelling op nog geen 20 minuten afstands van het centrum +der stad is gelegen. + +Wanneer men van het _Cordusioplein_, waar het monumentale Beursgebouw +en het paleis van de "Algemeene Verzekerings-Maatschappij" +in elliptischen vorm rondgebouwd zijn, en dat vlak achter de +noordwestelijke zijde van het Domplein, het centrum der oude stad, +gelegen is, de _Via Dante_ ingaat, een der breedste en fraaiste +hoofdstraten van Milaan, dan ziet men aan het einde daarvan op het +_Foro Bonaparte_, dat een halven cirkel vormt, recht voor zich het +beroemde en indrukwekkende _Castello Sforzesca_ met zijn massieve +torens en heerlijke versieringen van Leonardo da Vinci en Bramante, +de voormalige woonplaats der Visconti's, meermalen in den loop der +eeuwen verwoest en weer opgebouwd, telkens weer verwaarloosd maar nu +weer bijna geheel gerestaureerd tot een grootsch historisch monument en +inwendig ingericht tot archeologisch en kunst-museum, verrijzen. Door +de hoofdpoort, de _Torre del Filarete_, het _Castello_ binnentredende +en recht overstekende door den eersten en tweeden binnenhof (_Piazza +d'Armi_ en _Corte Ducale_) bereikt men door de tegenoverliggende poort +aan de achterzijde het fraai aangelegde _Parco_, dat geheel beheerscht +wordt door den ver op den achtergrond verrijzenden triomfboog met zijn +mooie _bas-reliefs_, de _Arco della Pace_, oorspronkelijk bestemd +om de heldendaden van Napoleon te eeren, maar later gewijd aan een +herdenking van de nederlagen van den grooten Keizer, die bekroond +wordt door het wonder-mooie werk van den beeldhouwer Sangiorgio, in +brons gegoten door de gebroeders Manfredini en voorstellende de godin +des vredes staande op haar met zes vurige paarden bespannen zegekar. + +In dit park, begrensd door die beide monumenten en omringd door +een voornaam kwartier van patricische huizen en villa's, ligt, +schuilgaande grootendeels onder donkere cypressen en ander zwaar +geboomte, het eene gedeelte der tentoonstelling en vandaar leidt de +electrische spoorweg naar het grootere terrein, dat ruim 20 minuten +loopens verder is gelegen. + +Links van het _Castello_, aan het einde van het breede +_Foro Bonaparte_, ligt de hoofdingang der tentoonstelling, een +architectonisch goed gelukt bouwwerk, waarvan onze foto een duidelijk +beeld geeft. + +In dit ranke bouwwerk met zijn zuilengalerij, zijn sprekende +versieringen en beelden, hebben de architecten--aan wier hoofd de +bekwame Besana staat--veel vergoed van het gemis van een monumentaal +hoofdgebouw en een panorama over heel de tentoonstelling. Toch ligt +de beteekenis van deze rijke façade die 's avonds met duizenden +gloeilampjes wordt verlicht meer in de beide Simplontunnels, waarvan +zij de omlijsting vormt. + +Aardiger _clou_ ware voor deze tentoonstelling wel niet uit te vinden +geweest dan de bezoekers te doen binnengaan door een tunnel, waarmeê +op bedriegelijke wijze de Simplontunnel nagebootst is. Dat is dan ook +de groote attractie, het nieuwe en wonderbare. Het is dan ook aardig +gedaan; de illusie is volkomen. Men schuift het zwarte gordijn even op +zij en treedt de onbekende duisternis in; in de verte gloeien kleine +lichtjes tegen den van kristallen glinsterenden rotswand; bij hun +zwak schijnsel ziet men op den bodem de vage evenwijdige lijnen van de +rails. Men hoort het gekletter van water en het snorren en stampen van +machines. Het zijn de boormachine en de luchtververschingsinstallatie +die hier in werking worden getoond. Door nauwe zijgangen, waarin men +de scherven van rotsblokken onder de voeten hoort kraken, komt men +in den tweeden tunnel, evenwijdig aan den eersten loopende, die, +evenals in de werkelijkheid, met den eersten halverwege een punt +van samenkomst heeft. In dezen tweeden tunnel heeft men kans gezien +op vernuftige wijze duidelijk te maken, hoeveel last men bij den +bouw gehad heeft met het van boven door de aderen in den bergwand +doorsijpelende water, dat menigmaal de gangen blank zette. Uit den +rotswand springt hier met geweldige kracht het heldere water van den +bergstroom dat bruisend en schuimspattend zich neerstort temidden +van de rotsblokken, juist zooals men dat in het hooggebergte ziet. + +Men behoeft thans niet naar Iselle te reizen om zich een begrip +te kunnen vormen van het grootsche werk, dat daar is geschied en +welks voltooiing hier wordt gevierd. De kunst van nabootsen tracht +de wezenlijke techniek in haar hooge vlucht te achterhalen. Alles +toch is zoo natuurgetrouw, dat men werkelijk meent in het hart van +de Hoog-Alpen te verkeeren. + +Tusschen de beide tunnelingangen heeft de gevierde beeldhouwer +Butti een beeldengroep aangebracht, die den moeizamen tunnel-arbeid +voorstelt. Een mooi afgietsel in brons van deze sprekende groep is +door het Uitvoerend Comité aan Z.M. den Koning als een aandenken aan +de plechtige opening aangeboden. + +De beide tunnelpoorten worden bekroond door een eleganten toren, +dragende een Mercurius-beeld, en welks versieringen de beteekenis van +het werk des vredes, door de samenwerking van Zwitserland en Italië +tot stand gebracht, symboliseeren. + +Aan weerszijden van den hoofdingang sluiten langwerpige vleugels zich +aan dit smaakvolle bouwwerk aan. Rechts is de afdeeling "Visscherij", +waarin Duitschland schitterend voor den dag is gekomen, ondergebracht, +waarbij zich weer aansluit een zeer interessant aquarium; links +vindt men een reeks van ineenloopende zalen, waar bijeengebracht is +een hoogst belangwekkende verzameling oudheidkundige voorwerpen die +betrekking hebben op het transportwezen te water en te land. Aan de +medewerking zoowel van het Quirinaal als van het Vaticaan is het te +danken, dat het een waar genot is deze retrospectieve afdeeling te +doorwandelen, waaraan bovendien prof. Fumagalli door een methodische +groepeering zekere wetenschappelijke waarde gegeven heeft. Men vindt +er zoowel de draagstoel van Leopold II, Groot-hertog van Toscane +als de staatsiekaros waarmee Paus Pius VII in 1814 zijn intocht +hield in Modena; de berlina met koperen paneelen, rijk met zilver +beslagen, van Ferdinand II van Bourbon (Corte di Napoli: 1839) +als de rijk-gebeeldhouwde gala-koets, die gediend heeft in den +begrafenisstoet van Victor Emanuel II in 1878 bij de overbrenging +van het stoffelijk overschot van het Quirinaal naar het Panthéon; +vergulde kardinaalskarossen en met acht paarden bespannen trouwkoetsen +met beschilderde paneelen en van binnen met satijn bekleed van het +Huis van Savoye. + +Niet minder de moeite waard zijn de modellen van oude schepen; o.a. van +de galjoen, waarmeê Maria de Medici in 1600 van Livorno naar Frankrijk +is gevaren. + +Ook het "voorheen en thans" op het gebied van de rijwielen wordt +in een apart zaaltje vrij volledig te zien gegeven, terwijl de +Italiaansche Posterijen en de Duitsche Rijkspost een belangrijke +historische inzending hebben samengebracht, bestaande in modellen +van oude postkoetsen, uniformen, gereedschappen, documenten enz. + +Men kan gerust zeggen, dat deze afdeeling tot de best-geslaagde van +de tentoonstelling behoort. + +Na deze uitstapjes rechts en links van den hoofdingang gaan +we nu het Park in, waarvan de aanleg getuigt van den smaak der +Milaneesche tuinbouwkundigen; frisch en fleurig ziet er alles uit +en de breed-uitgespreide waaierpalmen en bloeiende camelia's zouden +wij wel zoo naar ons land willen meênemen! De stoomwals heeft de +breede wegen geëffend, waarin de zware vrachtwagens diepe voren +hadden getrokken; aan den rechterkant krijgen we nu de voornaamste +tentoonstellingsgebouwen in het oog; zij rijzen geen van alle hoog +op tusschen het geboomte en hun hagelwitte kleur zal bij den fellen +Italiaanschen zonnebrand verblindend zijn voor de oogen, al helpt +zij de hitte _buiten_ de zalen houden, maar overigens ... wat een +superieuren smaak hebben de Italiaansche architecten getoond bij het +ontwerpen dezer paleizen en paviljoenen! Schoon ook hier in hoofdzaak +het onduurzaam tentoonstellingsmateriaal slechts dienst kon doen, +wint Milaan het in dit opzicht verre van Luik en Düsseldorf en wordt +Parijs van 1900 naar de kroon gestoken. + +De liefde voor de schoone klassieke vormen was hier de leidstar van +mannen als Besana, Bongi en Locati, meestere in hun vak. Hier wordt +men herinnerd aan het Parthenon met zijn zuilen en bogen, daar aan +Romeinsche thermen; ginds aan de Byzantijnsche bouwkunst, elders +weer aan het Arabische Alhambra. Aan de Italiaansche en Fransche +renaissance wordt recht gedaan; kortom, de historische architectuur +viert hier hoogtij! En toch, hoe frisch, hoe oorspronkelijk +bleven de ontwerpers daarbij; hoe gelukkig wisten zij in bouworde +en versieringen uitdrukking te geven aan de bestemming van de +verschillende gebouwen! Zeker, dat alles is _klein_ tegenover dien +machtigen kolossus, den Dom, dien de christelijke kunst, als een +prediking in marmer, midden in deze stad heeft gebouwd; en te _druk_ +tegenover den stroeven ernst der middeleeuwsche kunst die spreekt +uit de _palazza's_, welke de eeuwen hier hebben nagelaten en die +thans de omlijsting vormen van deze onwezenlijke droomstad, waar +alles klatergoud en namaak is en die straks weer zal verdwijnen, +even spoedig als zij gekomen is. + +Maar ... wie ontkomt aan de machtige bekoring die van dit alles +uitgaat!? Die mengeling van architectuur en sculptuur, zij is een +weelde voor het oog en spreekt tot de verbeelding van oorden, waar +de schoonheid godheid is, waar het ideaal triumfeert in marmerwit +en kronegoud! + +Van het beeldhouwwerk gesproken: Al heeft de Italiaansche plastiek +de schoone traditiën van het verleden niet weten hoog te houden, +men mocht toch bij deze gelegenheid van de beeldhouwers in het land +van Michel Angelo en Canova iets goeds verwachten. + +In qualiteit hebben zij dan ook niet teleurgesteld, maar in de +quantiteit hadden zij meer matiging kunnen betrachten. Overlading +schaadt overal, zelfs op een tentoonstelling. Alle Olympische goden +zijn er aan te pas gekomen. Het is of men een concurrentie heeft willen +ondernemen met de permanente beelden-uitstalling op het beroemde, +maar mij en velen, die onder een andere dan de zuidelijke zon zijn +geboren, weinig sympathieke _Campo Santo_. + +Maar zonder nu alles op gezag mooi te vinden, alleen omdat het van +kunstenaars als Butti en Brivio, die op dit oogenblik in de gunst +staan, afkomstig is, moet ik toch erkennen, dat er kracht en realiteit +zit in menig beeld en in meer dan één groep. + +Ga natuurlijk zoo'n compositiebeeld niet van nabij bekijken, dan +is alle illusie weg! Maar een tentoonstelling hangt nu eenmaal van +bedriegelijk decoratief aan elkaar. En niemand zal aan zoo'n _Victoria_ +of _Mercurius_, die straks op een electrisch verlicht voetstuk zullen +staan, hooge kunsteischen stellen! + +Het is al veel waard, wanneer het gevoel niet wordt gekwetst door +groven wansmaak of jammerlijke banaliteit. En daartegen hebben de +artistieke en technische leiders der tentoonstelling met veel zorg +gewaakt. Binnen die grenzen heeft men echter het eigen initiatief +zooveel mogelijk vrijheid gelaten en zoo is er tusschen al die groote +paleizen en paviljoenen een aardige afwisseling van Zwitsersche +châlets, Schwartzwalder huisjes; Oostersche kiosken enz. Telkens wordt +het oog weer geboeid door iets eigens en karakteristieks. Hoe jammer, +dat ook Nederland, als te St.-Louis, niet met iets eigens, met een +pittigen oud-hollandschen trapjesgevel bv., is kunnen komen! Maar +de Milaneesche aannemers vroegen fabelachtige prijzen en de middelen +waren gering. Nu heeft het Nederlandsch comité zich tevreden moeten +stellen met 800 M_2_ in de gemengde afdeeling der decoratieve kunst, +waar het Japan tot buurman heeft, en 200 M_2_ elders voor op zichzelf +staande inzendingen als die van den baggermolen-fabrikant Smulders uit +Schiedam. Het is nu maar te hopen, dat het inwendige (de versiering +is bij den heer Kromhout uit Amsterdam zeker in goede handen) en de +inzendingen goed zullen maken wat aan het uiterlijk ontbreekt. Maar +daarvoor is nog wat geduld noodig. Niet vóór half Juni zal de +Nederlandsche afdeeling geopend kunnen worden. Met dit wat achteraf +gelegen gebouw schenen de heeren van de bouw-commissie het minste +haast te hebben. En toen de gedelegeerde commissaris van Nederland +herhaaldelijk aandrong op meer spoed, wijzende op het ergerlijk +luieren der Italiaansche werklieden, die, als 't koud is, zich rond +een houtvuurtje gaan warmen en als 't warm is, in 't zonnetje liggen +te slapen, antwoordde men zoo philosophisch-laconiek als Italianen +dat alleen kunnen: "Laat dan Nederlandsche werklieden komen om het +gebouw af te maken. Zwitserland heeft ook eigen werklieden ontboden!" + +Biedt een tentoonstelling kans van welslagen, al geeft ze ook nog +zooveel interessants te zien, waar de leiders dergelijke luchthartige +opvattingen koesteren?... De vertegenwoordigers van het buitenland, +die ervaring hebben op dit gebied twijfelen er wel eens aan. Maar de +Italianen zijn onverbeterlijke optimisten; zij kloppen de mopperaars +gemoedelijk op den schouder en zeggen glimlachend: "_Al levar della +tende si vedra_", of te wel: als de boel weer afgebroken wordt, +zal _alles_ je duidelijk zijn. Een troost!?... + +Wij zijn nu in de groote middenlaan van het Park, die dit gedeelte +der toonstelling in twee groepen scheidt: rechts wetenschap en kunst; +links de vermakelijkheden. Even wippen we binnen in het gebouw der +"Schoone Kunsten". Dat was inwendig het eerst gereed omdat de Koning +er doorheen wandelen zou op den openingsdag. Een openbaring is deze +zuiver-nationale afdeeling niet; ook zijn vele doeken verkeerd of +veel te sterk belicht. Er is in 't algemeen te veel gelegenheidswerk +zoowel van schilders als beeldhouwers. + +Eén zaal is geheel gereserveerd voor de productieve familie Ciardi, +bestaande uit vader en twee zoons, die 32 werken heeft ingezonden, +een andere zaal bevat alleen 28 stukken van den grooten Venetiaanschen +meester, Ettore Tito. Ook Carcano heeft een zaal voor zich, terwijl +Carlandi, bekend door zijn fijne zeegezichten, 84 aquarellen heeft +ingezonden. + +Onder het beeldhouwwerk is meer knappe copie dan oorspronkelijk +werk. De _Unione artisti romani_ leverde hier het leeuwendeel, +o.a. een reusachtige groep van Lazio. + +Het paleis van de _Belle Arti_ bestaat uit twee vleugels in +hoefijzervorm die samenkomen in een koepelvormige zaal. In deze +feestzaal, waarvan wij een reproductie geven, had de plechtige +opening der tentoonstelling plaats. Jammer genoeg mochten er toen +geen photografische opnamen worden gemaakt--een maatregel die als +vele andere verband hield met de veiligheid van den Vorst. Want +toen langs alle lijnen electrische lichtjes fonkelden, ook in de +lauwerkransen door de engelenfiguurtjes omhoog gehouden, en heel de +zaal bezet met schitterende uniformen en galagewaden, waartusschen +de bekoorlijkste damestoiletten in teere kleuren,--allen omringend de +met bloemenguirlandes versierde estrade, waarop de Vorstelijke stoet +had plaats genomen--toen bood dat geheel een betooverend gezicht, +hoe weinig indrukwekkend de ceremonie ook overigens was, die onder +een geestdriftige ovatie aan het Koninklijk Paar eindigde met een +symbolische opening van de tentoonstelling door Koningin Elene, die +een rood lint losmaakte, dat de estrade had afgesloten van den uitgang. + +Uit den rechtervleugel de feestzaal binnengekomen treden wij nu +door den hoofdingang, door zinrijke beeldengroepen geflankeerd, +weer naar buiten. Aan de overzijde van de breede allée zien wij, +verscholen in het frissche groen, drie kleine gebouwen liggen, +evenveel verschillend van stijl als van bestemming; voornaam en mooi +is de façade van het kleine paleis der stad Milaan, in Italiaansche +renaissancestijl gebouwd, waarin het gemeentebestuur, dat een ruim +aandeel genomen heeft in de totstandkoming der tentoonstelling en +bij feestelijke gelegenheden de honneurs tegenover de gasten uit den +vreemde waarneemt, een volledig overzicht geeft van de inrichting +zijner model-bedrijven en van het vele wat Milaan doet op het gebied +van onderwijs, armenzorg, hygiène en volkswelvaart. Zij die ook om +iets te leeren de tentoonstelling bezoeken zullen hier een nuttig +uurtje kunnen vertoeven in deze rustige omgeving. + +Van een heel ander karakter is het Zwitsersche paviljoen dat +natuurlijk van wege "de onverbrekelijke vriendschapsbanden" op deze +tentoonstelling een eereplaats kreeg. + +Het is een echt Zwitsersch châlet, in wit rood en bruin geschilderd +hout met balcons en een luifeldak en pittig torentje; een juweeltje +van dien karakteristieken bouwstijl van het Alpenland. "Een bescheiden +huisje" noemde de Zwitsersche commissaris-generaal Siemen het, toen +hij er uit naam van de Bondsregeering den Koning van Italië begroette, +maar de jonge Vorst die zijn oogen altijd goed den kost geeft had +het bij het rechte eind, toen hij den bescheiden Zwitser warme hulde +bracht voor dat smaakvol paviljoen, een sieraad van de tentoonstelling. + +Natuurlijk is de inhoud van het gebouw grootendeels gewijd aan de +werken van St. Gotthard en Simplon, gesymboliseerd in een groot fresco +in den voorgevel, en de vermaarde Zwitsersche kunstnijverheid. + +Een honderd schreden verder ligt op een heuveltje, gelijk in hoogte +aan de viaduct, het Park-station van den electrischen spoorweg, +ook een aardig, luchtig gebouwtje, waaraan veel zorg is besteed. + +Vóór wij uitstappen echter nog even een kijkje genomen aan het +uiterste einde van het Park bij den Vredesboog in het complex van +gebouwen, dat gewijd is aan een der belangrijkste afdeelingen van de +tentoonstelling: de versieringskunst; het zijn eigenlijk twee reeksen +van gebouwen, door binnenhoven met zuilengalerijen, aardige beelden +en fonteintjes, onderling met elkaâr in gemeenschap, gescheiden door +een smal laantje; het is hier, dat ook Nederland zijn beste beentje +voor zal zetten. Maar de strijd zal zwaar zijn. Op dit oogenblik zijn +de gebouwen nog nauwelijks onder dak en is de chaotische toestand +nergens zoo wanhopig als hier in dit hoekje; van étaleeren kan dus +nog geen sprake zijn. Maar de ingenieur die hier de leiding heeft, +de heer Gatti-Casazza, weet schitterende dingen van deze afdeeling +te vertellen. Na de welgeslaagde proefneming in Turijn met de +tentoonstelling van versieringskunst in 1902 zal Italië hier nu +eens met 500 van zijn eerste architecten en artisten (grootendeels +uit Lombardije) uitkomen; een ruimte van maar eventjes 12000 M_2_ +heeft het daarvoor noodig; Hongarije, dat in de laatste jaren een +reusachtige vlucht nam op het gebied der kunstnijverheid, zal 3500 +M_2_ innemen; Engeland 1000; Zwitserland, Japan en Nederland elk +800; Duitschland 500; Turkije 350 en Noorwegen 100. Nederland maakt +dus quantitatief geen slecht figuur. Jammer echter, dat onze eerste +firma's op dit gebied geen lust tot deelneming gevoelden. + +Frankrijk, Oostenrijk, Rusland en België hebben ook hun afdeeling +versieringskunst ondergebracht in hun eigen gebouwen op de _Piazza +d'Armi_. Ofschoon de Commissie van toelating lang niet gemakkelijk is +geweest, hebben de aanbiedingen zóó de verwachting overtroffen, dat +zij heeft moeten laten varen het denkbeeld om ook een retrospectieve +tentoonstelling van de ontwikkeling der toegepaste kunst in den loop +der eeuwen te geven. Een eereplaats zal echter gegeven worden aan +den vrouwenarbeid, waarvan, onder de auspiciën van de Hertogin Maria +Anna Visconti di Modrone Gropallo, presidente van het damescomité, +evenals te Luik, veel belangwekkends zal te zien gegeven worden. + +Een zware taak wacht de jury maar ook een aangename, want de Koning +heeft een eereprijs van 10,000 lire uitgeloofd voor de fraaiste +"complete moderne inrichting". + +Aan den anderen kant van het park, nog een groote uitgestrektheid +met mooie gazons en waterpartijen, zetelt het Vermaak. Daar kan +men een reis naar het hooge noorden maken en zich verbeelden op de +ijsberenjacht te zijn, of de geneugten smaken van een montagne russe; +daar kan men zich in aardige bars en kiosken door gebronsde zuidelijke +schoonen met uitdagende, donkere oogen champagne en vruchtenijs laten +bedienen; daar kan men voor een halve lire heel Tyrol of het Berner +Oberland doorreizen onder 't genot van Münchener Hofbräu, Chianti of +Capri, Marsala of Vermouth van fratelli Cora; daar kan men 's avonds +tusschen de donkere cypressen in den maneschijn zitten mijmeren bij +"American drinks", zoo echt als in de eerste Broadway-bars; daar kan +men zich van een helling in een bootje met duizelingwekkende vaart +in een meer laten storten of, wanneer men 't op dit ondermaansche +te benauwd krijgt, hoog in de lucht rondvliegen in een _Aëroplan_ +en in jolige pret lachen om dat Castello en dien Dom die daar zoo +eigenwijs en roerloos staan te droomen midden in dat wereldsche, +lawaaierige Milaan; daar klinken muziek en zang; daar raakt men de +zilverstukjes kwijt.... + +Daar mist men alleen Lucas Bols of Wynand Fockink, anders trouwe +comparanten op groote tentoonstellingen, die hier met een "Oude +Schiedammer" en een jonge Zeeuwsche boerendeern toch zeker al even +veel succes zouden hebben als overal elders in de wereld. + + + +Maar het wordt tijd, dat wij het Park verlaten en naar de _Piazza +d'Armi_ trekken, waar wij in vogelvlucht hebben te overzien _veel_ +dat nog niet àf is en heel _weinig_ dat wèl gereed is. Konden wij +maar werkelijk in een luchtballon er over heen zweven! Dan liepen we +geen kans overreden te worden door zwaargeladen goederentreinen en +in dolle vaart rondsnorrende auto's, die voor de snelle verplaatsing +van comité-leden zorgen als zij lastige reclamanten uit de voeten +willen blijven. + +Het electrische treintje, comfortabel ingericht--een voorbeeld voor de +directie der Italiaansche spoorwegen die, sedert de staatsexploitatie +in vollen gang is, nog niet veel gedaan heeft om het spoorwegverkeer +uit zijn achterlijkheid te verlossen--brengt ons, hoog over straten +en lanen en pleinen, over de ranke en sierlijke viaduct in een paar +minuten daar. + +Ook deze terminus doet ons kennismaken met een aardig, rustiek +station met bloemperken en heesters omgeven; ruim, ongevaarlijk en met +zacht-glooiende op- en afgangen. De maatschappij die dat goedkoope +lijntje van 5 cent per rit exploiteert heeft eer van haar werk en +succes; het aantal abonnés loopt al in de tienduizenden. + +Recht voor ons ligt in het midden van het vierkante terrein, dat +een omtrek heeft van ruim drie kwartier loopen en doorsneden is van +lange rechte lanen, waartusschen nu de vakken tot weelderig plantsoen +met rotsen en vijvertjes, fonteinen en bloembedden zijn aangelegd, +het groote paleis van het "Transport te water" met den reusachtigen +vuurtoren op natuurlijke grootte, die 's avonds een intens licht over +tentoonstelling en stad verspreidt, op den voorgrond. Handelsvloot en +passagiersschepen worden in deze afdeeling wel erg op den achtergrond +gedrongen door de Marine, die toch eigenlijk slechts in verwijderd +verband staat met "transport te water." Maar hiermeê kon Italië +meer geuren dan met zijn scheepvaart, die niet sterk vooruitgaat, +hoewel, na de jongste Marine-rapporten, deze tentoonstelling van +model-materiaal een bitter bijsmaakje voor de Italianen heeft gekregen. + +Ook het buitenland heeft in deze afdeeling _acte de présence_ +gegeven. Krupp en Armstrong vervullen u hier met bewondering voor hun +werken maar ook met een tikje wrevel; die onheilspellende kanonnen +storen de vredes-gedachten, die de ideëele achtergrond vormen van +dit jubelfeest van den arbeid, waar de natiën komen getuigen van hun +grootheid en hun kracht ... in de werken der beschaving en des vredes. + +Enkele modellen van Oceanflyers, van moderne luxe-schepen, van +reusachtige vrachtbooten, zeesleepbooten en baggermolens gaan +hier bijna verloren voor 't oog tusschen de vernielingswerktuigen, +torpedobooten, torpedo's, pantsertorens enz. + +Trouwens, hier en daar verspreid over het terrein vindt men nog +onderdeelen van deze sectie. Zoo heeft de groote Italiaansche +Stoomvaart-Maatschappij, die ook de dagelijksche diensten tusschen +het vasteland en Sicilië verzorgt, haar eigen, kranig gebouw en is +er een zeer bezienswaardige inzending van motorvaartuigen, elegante +gondeltjes, waarmeê men lust zou gevoelen zich te laten voortglijden +over de smaragden golfjes van de Zwitsersche en Italiaansche bergmeren. + +Links van "Marine" ligt het grootste tentoonstellingspaleis, de +"Galerij van den Arbeid", een complex van reusachtige hallen +met drie koepelvormige ingangen. In de voornaamste daarvan was +een prachtig plaatsje gereserveerd voor een inzending van de +Amsterdamsche diamantindustrie, waarop men aanvankelijk scheen te +mogen rekenen. Jammer, want die zou hier _furore_ gemaakt hebben! Over +de inzendingen in deze afdeeling valt nog zoo goed als niets te +zeggen; behalve een paar mooie kleurendrukpersen en een reusachtige +rotatiepers, waarop een tentoonstellingsuitgave van het grootste +dagblad van Milaan, de uitnemend geredigeerde en snel-ingelichte +_Corriere della Sera_, tot stomme verbazing der toeschouwers wordt +gedrukt en gevouwen, staan er slechts rijen van onopengemaakte +kisten, waarin de schatten van de machinale kunstnijverheid verborgen +zijn. Meer dan een schoone belofte is dit Arbeidspaleis dus nog niet. + +Wij naderen nu bekend en bevriend terrein. Een gebouw met frisschen +vriendelijken baksteengevel zegt ons terstond, dat wij hier te doen +hebben met iets uit gewesten, dichter bij Nederland; het doet zelfs +vreemd in deze omgeving van witte paleizen met blauwe koepels en veel +verguld. Het verwondert ons dan ook niet uit het dak de Belgische vlag +te zien wapperen. Wij zijn thuis; die rustige lijnen van de Vlaamsche +renaissance, die symmetrie welke geen oogenblik stijf wordt, zij +doen ons Nederlandsch hart goed. Onze naburen zijn hier schitterend +voor den dag gekomen, om jaloersch van te worden. Ook de Italianen, +die wel eens meenen het monopolie van stijl en smaak te hebben, +kunnen hun bewondering niet verbergen. + +Inderdaad, dit gebouw--werk van den Brusselschen architect Henry +Vaes--is opgericht _à la gloire de la patrie_, zooals op een +gedenksteen in den muur van een der torens is gebeiteld. Maar ... de +Belgische regeering, zich dankbaar herinnerend de ruime deelneming +van Italië aan de wereldtentoonstelling te Luik, stelde dan ook +een bedrag van fr. 300.000 ter beschikking van de commissie van dat +land. Met zoo'n sommetje kan men wat beginnen! + +Ook de inzendingen der Belgische kunstnijverheid die het gebouw en +een daarnaast gelegen hal zullen vullen, beloven het beste te geven +wat het nijvere land kan voortbrengen, vooral kant en smedewerk. + +Langs de achterzijde van het terrein liggen drie groote gebouwen, +die samen één reuzenstation vormen met uitgestrekte overkappingen. + +Wij hebben hier te doen met de kern der tentoonstelling, de wortel +van de reuzenplant: het spoorwegwezen. Vier landen domineeren hier; +Duitschland, Oostenrijk, Hongarije en Italië zelf, dat zeker, al komt +het hier met mooie dingen uit, op dit gebied eenige bescheidenheid +mag in acht nemen. Reusachtige locomotieven en prachtig-ingerichte +slaap- en salonwagens vormen het hoofdbestanddeel dezer afdeeling, +terwijl Italië zeer interessante nieuwe uitvindingen op het gebied van +seinwezen en veiligheidsinrichtingen in werking te aanschouwen geeft. + +Van groot practisch belang voor berglanden zijn o.a. de optische en +gehoor-signalen voor tunnels en de nieuwste tandradbaan-locomotieven. + +Een zeer sympathieken indruk maakt de iets verder onder hangars +geherbergde inzending van het Italiaansche _Roode Kruis_, +waarvan vooral de aandacht verdienen de met veel zorg ingerichte +transportwaggons en booten voor gewonden. Ook Duitschland's +_Sanitätswesen_ komt hier schitterend voor den dag met ziekenbarakken, +vervoerbare barakken en vriendelijke paviljoentjes. + +Van de ziekenverpleging naar de hygiène _il n'y a qu'un pas_. Hier +óók in letterlijken zin. Heerlijk is weer die frontgevel van den +architect Bongi, aan het paviljoen, waar Aesculapius' vriendelijke +dochter troont, gegeven. Van het zinnebeeld der gezondheid, de slang, +heeft hij bij de versieringen een gelukkig gebruik gemaakt. + +Welke schatten Hygieia in haar tempel tentoonspreidt is nog +een geheim. Alleen is mij bekend, dat onder de inzenders ook een +Nederlander is. Onze consul te Milaan, de ingenieur H.J. Van der +Schalk, exposeert er modellen van hygiënisch ingerichte boerenwoningen +en veestallen volgens een nieuw systeem. + +Uit het gebied waar de godin der gezondheid heerscht, over te gaan +naar Caïro is nog al een sprong. De oosterlingen staan gewoonlijk +met Hygieia op een gespannen voet. Maar het tentoonstellings-Caïro +in miniatuur is nog al onschuldig! 't Ziet er alles zelfs te +onnatuurlijk zindelijk uit, het ruikt er te frisch om de illusie +volkomen te doen zijn. Maar aardig is die exotische omgeving voor +ons, westerlingen, toch altijd. Hoe verrukkelijk doen die glanzende +koepel en die fijne minaret van de Hasinin-moskee tegen het zuidelijk +azuur! Hoe schilderachtig zijn die kleine straatjes en de bazar, +waar de oosterlingen bezig zijn hun snuisterijen uit te pakken! Nu is +'t nog rustig en leeg hier, maar weldra zal de moslem zijn gebeden +prevelen in den toren; zal er vreemdsoortige, lawaaierige muziek +klinken bij de Arabische danseres, die de Italianen zal laten genieten +van een nerveusen _danse du ventre_; dan zullen de kooplieden met +hun roode fez u met een "_bon marché, monsieur!_" naloopen om u hun +waren aan te prijzen en bruine jongens op bloote voeten u trachten +over te halen om op een witten ezel of een hoogen kameelenrug rond te +rijden. En nog lang daarna zal de geur van de rozenolie u herinneren +aan die oostersche atmosfeer van de nagebootste Nijlstad hier midden +in Lombardije. + +Langs Bulgarije, dat zich de weelde van een eigen fraai paviljoen +kon veroorloven evenals vorig jaar te Luik, keeren we weer naar +Midden- en West-Europa terug. We hebben nu het langwerpige paleis +van Frankrijks decoratieve kunst met de 4 smaakvolle ingangen vóór +ons liggen. Uitwendig en inwendig viert de Fransche kunst hier weer +haar triomfen. Wie kan zich daarmeê meten!? Een glans van voornaamheid +ligt over al dat werk. + +In een boog om dit gebouw heen liggen drie afdeelingen die, eenmaal +gereed, tot de belangrijkste der tentoonstelling zullen behooren. Het +zijn: "Automobilisme en Cyclisme", "Rijtuigfabricage" en "Landbouw"; +rococostijl was hier wel de meest aangewezene, maar toch hebben de +architecten de bestemming van de gebouwen gelukkig uitgedrukt in +attributen, symbolische fresco's enz. + +Over den inhoud valt nog weinig te zeggen; de automobiel-fabricage +heeft in Italië groote vlucht genomen en schijnt dan ook kranig te +zullen uitkomen, vooral met luxe-auto's en omnibussen, zooals er hier +thans reeds verscheidene in dienst zijn. + +De Landbouw beschikt over uitgestrekte hallen van groote wijdte. Juist +nu het ideaal van den Koning: "een internationaal Landbouw-instituut +te Rome" het eerste stadium van verwezenlijking is ingetreden, +wil Italië eens laten zien hoe ver het op dit gebied is. Dat had +misschien ook op den weg van Nederland gelegen, maar onze landbouw +zal in deze afdeeling slechts vertegenwoordigd worden door een magere +inzending van zuivelproducten en ... een Turksche sigarettenfabriek uit +Amsterdam. Verkeerde indrukken worden op die wijze wèl bevorderd! Te +leeren zal er in deze afdeeling veel zijn, want vooral in Lombardije +staat de landbouw op een hoogen trap. De Italiaansche landbouwer is +een zorgzaam arbeider; dat kan men, door deze vruchtbare laagvlakte +reizende, overal waarnemen. + +Wij zijn nu weêr bij het punt van uitgang: het station, +teruggekeerd. Overal stilstaan konden wij natuurlijk niet; men zal +mij de opsomming van reclame-inzendingen, van azuren grotten en een +Afrikaansch dorp, wel willen schenken. Dat alles is _schon dagewesen_ +op iedere wereldkermis. + +Maar wij mogen toch geen afscheid nemen van de _Piazza d'Armi_ zonder +even binnengeloopen te zijn in het mooie, sprekende paviljoen van +de latijnsche staten van Zuid-Amerika. Deze staten: Peru, Chili, +Uruguay, Guatemala, San Domingo, Brazilië en Argentinië hebben van +praktischen zin blijk gegeven. Hoe ook onderling steeds verdeeld, +heeft ditmaal een zeker ras-instinct hen er toe gedreven om de handen +ineen te slaan tot het verrichten van datgene, waartoe elk op zichzelf +niet krachtig genoeg zou zijn. Elke van de regeeringen dezer landsn +heeft 6000 francs beschikbaar gesteld voor een collectieve inzending, +die er van getuigt, dat men op het zuid-westelijk halfrond nog iets +anders verstaat dan staatsgrepen en omwentelingen op touw te zetten. + +De in Italië gevestigde consuls van deze staten, aan wie het +voornamelijk te danken is, dat Zuid-Amerika hier meer op den voorgrond +treedt dan op de laatste wereldtentoonstellingen in Europa, hebben +eer van hun werk, zoo goed als de beeldhouwer Laforet, auteur van +het standbeeld van Christoforus Columbus in de vestibule van het +paviljoen en reeds bekend door het mooie Verdi-monument te Triëst. De +400-jarige sterfdag van den koenen ontdekker van Amerika wordt op 21 +Mei bij dat standbeeld plechtig herdacht, o.a. met een redevoering +van Edmond de Amicis. + +Op onzen weg naar den uitgang van het terrein passeeren wij +de afdeelingen luchtscheepvaart en meteorologie, die zeker in +nauwe betrekking tot elkaar staan, al is het den vernuftigsten +en stoutmoedigsten luchtschipper nooit gelukt in letterlijken zin +"naar de maan" te gaan. Van tijd tot tijd worden hier op een met +tribunes omringd terrein luchtballons opgelaten, zoowel bestuurbare +als vrij in het luchtruim zwevende; ook het Duitsche militaire +luchtscheepvaartcorps doet daaraan meê met zijn sigaarvormige +uitkijkballons; deze zeer vreedzame verkenning van Lombardije vindt bij +het publiek wegens de bewonderenswaardige vlugheid en nauwkeurigheid +der exercitiën grooten bijval. Geen wonder; de kleine, weinig gespierde +Italiaansche officieren en soldaten missen dat stramme en stroeve! + + + +Milaan heeft zijn "_settimana di gloria_" gehad! De feesten, waarmede +de blijde begroeting van de jong-geborene is gevierd, zijn nu weer +voorbij, de Koning en de Koningin naar Rome teruggekeerd; ook de +vertegenwoordigers van de buitenlandsche dagbladen en tijdschriften +pakken hun koffers; de tentoonstelling wordt verder afgewerkt en +Milaan bereidt zich voor op de ontvangst der duizenden vreemdelingen +uit het zuiden en van over de Alpen. + +Veel reclame in het buitenland maakt het Propaganda-comité van de +tentoonstelling niet; het is waarschijnlijk overtuigd, dat de 120 +internationale congressen, ingezet met het groote en luidruchtige +studentencongres, de automobielen-wedstrijden en gymnastiek-feesten, +de wedrennen en andere hippische feesten, de concerten en historische +optochten, de vuurwerken en illuminaties, de diner's en recepties +onder de auspiciën van Milaan's gastvrije en royale vroedschap, +genoeg aantrekkingskracht zullen oefenen op de duizenden, die een +gelegenheid zoeken om hun zomervacantie aangenaam door te brengen. + +"Naar Milaan!" zal het parool zijn van alle toeristen en +toeristenbureaux in het komend seizoen. + +De lezer make, na mijn indrukken van de eerste levensdagen der +tentoonstelling, die ik getracht heb zoo objectief mogelijk weer te +geven, gelezen te hebben, voor zichzelf uit of er aanleiding is om +aan dat wachtwoord te gehoorzamen ook voor dengene die geen modeslaaf +wil zijn. + +Maar ik ben er zóó zeker van, dat wie het voorrecht zal hebben deze +tentoonstelling in een later stadium van ontwikkeling of wèl, eerlang +tot vollen wasdom gekomen, te aanschouwen, hier rijke schatten van +leering en genieting zal vergaren, dat ik straks mijn laatsten groet +van de toppen der Alpen aan de tegen den horizont vervagende spitsen +van den Dom niet zal brengen zonder een: "_A rivederci, Milano!_" + +_Milaan, Mei 1906_. + + + + + + + +Een vliegreisje in het Land der Rijzende Zon + +Door T. TJ. DE BOER. + + +Onlangs gaf een mijner collega's een' al te enthousiasten +aspirant-zeeman den raad: "Als je wat van de wereld wilt zien, ga +dan niet naar zee." + +Dit nu klinkt paradoxaal, maar er ligt toch een grond van waarheid +in. Weliswaar bezoeken wij vele plaatsen, doch de zeehavens der wereld +zijn tot op zekere hoogte allen gelijk. + +Eerstens is er altijd een groote categorie van menschen, met wie +wij niet in aanraking komen, omdat wij meestal geene introductie +hebben. Dan zijn er de kooplui, die, zoowel aan wal als aan boord, +den armen zeeman steeds trachten af te zetten, hetgeen hij zich met +werkelijk verwonderlijke onverschilligheid laat welgevallen. Verder +zijn er de koelie's, die onder ons toezicht het schip moeten lossen en +laden, en evenmin een hoog als een juist denkbeeld geven van het volk +waartoe zij behooren. En ten slotte is er de buurt waar de zeeman op +de meest ergerlijke wijze wordt geplukt, en die het maar het best is +te mijden. + +Bovendien hebben wij vaak weinig tijd en blijft de gelegenheid om +aan land iets te zien wat de moeite loont, gewoonlijk beperkt tot des +avonds of tot een enkelen vrijen Zondag; juist genoeg om ons te doen +wenschen er meer van te kunnen genieten. + +Stoomen wij b.v. van Aboji (straat van Simonoseki) naar Kobe door +de Binnenzee van Japan, eene reis van één etmaal, dan valt er veel +te bewonderen. Het kalme, spiegelgladde water, de honderden groene +eilanden en eilandjes, de witte dorpjes, die soms als een vlucht +rustende vogels aan den rotswand schijnen te hangen, en 's avonds het +glanzende maanlicht, de blauw-lichtende zee en de ontelbare lichtjes +der vreemdsoortig gevormde visschersvaartuigen ... dat alles vormt +een bekoorlijk geheel, en wekt in ons het verlangen op, dieper in +het onbekende land door te dringen, een verlangen, dat slechts zelden +bevredigd wordt en, gevoegd bij de kleine ongemakken, aan ons beroep +onvermijdelijk verbonden, een zekere onvoldaanheid teweegbrengt, die +aanleiding geeft tot overdreven verzuchtingen. Want hoe vroolijk de +zeeman ook aan land moge zijn, aan boord is hij een onverbeterlijke +mopperaar. + +Slechts aan een geluksvogel, zooals ik was, is het soms gegeven, +land en volk beter te leeren kennen. + +Ik lag nl. in September j.l. met mijn schip te Kobe. Wij hadden één +passagier aan boord, een jongmensch, die voor zijn genoegen een reis +met ons meemaakte. Deze wilde eenige dagen in Japan reizen en door +de goedheid van den gezagvoerder kreeg ik verlof, met hem mee te +gaan. Het schip moest nog naar Yokohama en daarna weer terug naar +Kobe. Tot zoolang mocht ik wegblijven. + +Door dezen samenloop van omstandigheden ben ik in staat gesteld, mijnen +lezers eene beschrijving te geven van mijn reis door Japan, het land, +dat door zijn ongekend aanpassingsvermogen de geheele wereld heeft +verbaasd en vooral in dezen tijd ieders belangstelling opwekt. Uit +den aard der zaak is deze beschrijving vluchtig en onvolkomen; +zij maakt volstrekt geen aanspraak op volledigheid, want om een goed +denkbeeld te kunnen geven van dit vreemde en unieke land, moet men +er veel langer vertoeven. + +Wij vertrokken 's morgens om 8 uur van boord en lieten ons met een +bootje naar den wal roeien. Een ambtenaar van de douane visiteerde +onze koffers en liet, toen ik mijn kwaliteit bekend maakte, ons met +een ongewoon groote hoeveelheid sigaren ongehinderd door. + +Kobe is de drukste havenstad van het land en ligt heel mooi tegen de +bergen aan. Doch wij konden ons hier niet ophouden, lieten ons per +"jinrickisja" naar een kennis brengen, die ons eenige waardevolle +inlichtingen verstrekte, en daarna naar het station. + +De jinrickisja (letterlijk: man-kracht-rijtuig), kortweg genoemd +"ricksja", is een hoog, tweewielig voertuig, voorzien van een opzetbare +kap, dat door een man getrokken wordt met een vrij groote snelheid. Het +is het vervoermiddel bij uitnemendheid in Japan, tenminste over niet +te groote afstanden, en heeft van hier zijn weg gevonden naar bijna +alle plaatsen in Oost-Azië. Wij namen een biljet 1ste klasse naar +Tokyo en vertrokken om 10 uur van Kobe. + +Het land is over 't algemeen bergachtig en ziet er vruchtbaar +uit. Eigenaardig zijn de vele reclames, op groote borden overal +langs den spoorweg geplaatst. Soms zijn het meer dan levensgroote +menschenfiguren, dan weer enorme flesschen of theepotten of rijwielen, +niet altijd even artistiek, ook ziet men wel hoog tegen de groene +bergen geweldig groote, witte Japansche karakters afsteken, +die den roem van de eene of andere bier- of theesoort mijlen ver +verkondigen. Ten 12.25 verlieten wij te Kyoto den trein. Dat gaat in +Japan zeer gemakkelijk: zoo'n biljet is nl. vijf dagen geldig, het te +laten afteekenen onnoodig. Ook hebben de reizigers 50 kilo bagage vrij. + +Kyoto is een groote stad met ± 350000 inwoners. Bijna elf eeuwen +lang was het de hoofdstad van het rijk, totdat in 1869 de zetel der +regeering naar Tokyo verlegd werd. + +Wij reden, natuurlijk weder per ricksja, de geheele stad door naar +het Kyoto-hôtel. Dit is zeer mooi gelegen, en biedt een ruim uitzicht +aan over de stad met hare ontelbare, grillig gevormde daken, en met +de bergen tot achtergrond. + +Na de lunch gingen wij er op uit, om wat van Kyoto te zien. Het eerst +naar de Hongan-ji, een Boeddha-tempel. + +Het Boeddhisme, in de 6de eeuw uit Voor-Indië via China in Japan +ingevoerd, is heden ten dage de meest populaire godsdienst. Het is +verdeeld in 12 secten, die tezamen meer dan 70000 tempels bezitten, +met 60000 bonzen (priesters). + +Een vlucht van drie breede, steenen trappen bracht ons bij den +eigenlijken tempel, waaromheen weer kleinere gebouwen zijn, die +tezamen eene groote uitgestrektheid beslaan met tuinen er rondom, +waarin vijvers, bloemperken, enz. Vóór wij binnengingen, werden ons +een paar rood-linnen overschoenen aangetrokken met vervaarlijke punten +(zoo ongeveer als de hofnar van Lodewijk XIV moet hebben gehad), +en daarna werden we in het binnenste van den tempel toegelaten. + +Het daglicht drong slechts getemperd tot hier door en het was er +doodstil. Bewonderend keken wij rond. Een altaar, schitterende +van goud, zilver, koper en lakwerk in alle kleuren, een prachtige +troonhemel voor den opperpriester, groote bronzen stellages met tal +van koperen klokjes behangen, vreemdsoortig snij- en lofwerk, nooit +geziene muziekinstrumenten ... dat alles bracht ons in verwarring. + +Ter zijde van het altaar een groot, koperen beeld van Boeddha, de +beenen gekruist onder het lijf en de handen in den schoot met de +palmen naar boven en de knokkels tegen elkaar, den indruk gevende +van intense, passieve, passielooze rust. + +Doch daar werd de stilte verbroken. Een op de hurken zittende bonze +sloeg met een stok met dikken knop op een trom van zeer bijzonderen +vorm; met dezelfde regelmatigheid als de balans eener machine ging zijn +arm op en neer, terwijl hij met eentonige stem uit een voor hem liggend +boek half zong, half las. Dof en somber weerklonken de slagen in de +hooge gewelven. Wij haalden diep adem toen wij weer buiten kwamen, +het contrast was ook zeer groot. Een vroolijk zonnetje scheen, vogels +zongen in de boomen en bloemen geurden langs groenomzoomde vijvers, +vol dartelende goudvischjes. + +In een afzonderlijk gebouw hing een enorme bronzen klok, wegende +60000 kilo's. Een dikke, horizontale paal, op halver hoogte der +klok opgehangen, kan er door middel van een touw tegenaan gerammeid +worden. Het geluid moet zeer sterk zijn. + +We reden voorts nog door een mooi park en daarna naar het station, +teneinde een uitstapje te maken naar Kameoka, een klein plaatsje, +een uur sporens van Kyoto gelegen. + +De weg was steeds stijgende en we bevonden ons spoedig te midden +der bergen. Prachtig was het uitzicht. Langs de spoorlijn stroomde +de Hodzu-gawa, een woeste bergstroom, die, vooral waar steenen +en rotsblokken zijn weg willen belemmeren, bruisend opstuift en +schuimend verder gaat. Achtereenvolgens passeerden we acht tunnels, +enkele zeer lang, en een brug over bovengenoemde rivier, die uit een +enkele 85 Meter lange spanning bestaat. Ons plan was, van Kameoka +met een bootje de Hodzu af te varen, een terecht vermaarde tocht, +die geen enkel toerist mag verzuimen. + +Om halfzes staken wij van wal in een platboôm-vaartuig, met vier Japs +bemand. Twee roeiden langs de meer kalme gedeelten, één stond voorin +met een stok, en één achterin, sturende met een riem. In 't begin +was er weinig stroom, maar weldra begonnen de stroomversnellingen, +en wanneer wij dan met vliegende vaart langs de overal verspreide +rotsblokken schoten, terwijl het water onder ons en om ons kookte en +ziedde en spatte, had de stuurman al zijne kalmte en koelbloedigheid +noodig, om geen ongelukken te veroorzaken. Soms leek het ons toe, +dat er geen uitweg was, als zouden wij te pletter slaan tegen een' +grooten steen, die dreigend den weg versperde. Doch juist op het +kritieke moment gaf een duw van den man vóór in de boot, of een +behendige draai van den stuurman den steven eene andere wending, +dadelijk gevolgd door dezelfde manoeuvre den tegenovergestelden +kant uit, en het volgende oogenblik--rakelings langs de scherpe +granietmassa's schietende, terwijl de platte bodem op en neer golfde +door de aanraking met de bedding der rivier en het melkwitte schuim +ons bespatte--waren wij de gevaarlijke bocht reeds gepasseerd. + +Het was heerlijk, een nieuwe, geheel eenige emotie! En bij de +kronkelingen van den stroom telkens een ander uitzicht, telkens een +nieuw panorama van bergen. In de lente, als de oevers bezaaid zijn +met roode azalea's, moet het bovenal mooi zijn. + +Intusschen werd het reeds duister, doch nog geenszins verveelde ons +de tocht. En toen spoedig daarna de volle maan boven de bergen rees +en met zilveren licht en fluweelen schaduw speelde, werd het tooneel +tooverachtig en maakte een diepen indruk op ons. + +Eindelijk waren de stroomversnellingen achter den rug en dreven +wij over den zich verbreedenden vloed kalm voort. Uit de theehuizen +aan den waterkant klonk zang en dans van "geisja's", en bootjes vol +jongelui voeren ons voorbij met muziek, die zachte, droomerige muziek +der Japanners. + +Het was zeven uur toen wij te Saga weer aan wal stapten en naar Kyoto +terugspoorden. Wij aten in een Japansch restaurant, gelegen op een +zeer druk punt, uitgebouwd boven de rivier en verlicht door kleurige +lampions, waar wij door jonge meisjes in nationaal kostuum bediend +werden--zooals trouwens in alle hôtels, restaurants, logementen en +theehuizen in Japan;--daarna wandelden wij de stad eens door. + +Indien het mooi weer is--en dat is het bijna altijd in dit +bloemenland--heerscht er tot diep in den nacht voortdurend een +vroolijke drukte op straat. Alles is uniek en zonderling en oefent eene +ongewone bekoring uit op den vreemdeling, die hier voor het eerst komt. + +Krijgt men van de koelies aan boord, met hunne half brutale, half +bevreesde houding en eene mengeling van arrogantie en nieuwsgierigheid, +geen gunstigen indruk, die indruk verdwijnt spoedig, indien men nader +met het volk in aanraking komt. Hunne beleefdheid, ook jegens elkander, +is spreekwoordelijk; nergens heb ik zóóveel zien buigen; zelfs wanneer +twee ricksjakoelies elkander iets mededeelen, gaat zulks met vele +strijkages gepaard; en het is werkelijk een typisch gezicht, als men +eene familie eenige kennissen van den trein ziet halen. Waarlijk, +in dit opzicht kunnen wij met onze westersche beschaving veel van +hen leeren. En die beleefdheid gaat hen zoo natuurlijk af, dat men +voelt dat zij uit het hart komt. + +Het levendige gewoel door de meestal nauwe straten, de vreemde kleeding +en typen die men ziet, de rijk voorziene winkels, waar zooveel moois +uitgestald wordt dat men in Europa zelden of nooit tegenkomt,... dat +alles maakte ons het scheiden moeilijk; eindelijk zochten wij toch +ons hôtel op en begaven ons ter ruste. + +De tweede dag was bestemd voor een bezoek aan Nara, een aardig stadje, +2 uren sporens van Kyoto. De weg er heen biedt mooie vergezichten aan; +men vindt er uitgestrekte theeplantages. + +Midden in het stadje is een groote vijver, die wemelt van schildpadden +en roode en bruine karpers. Klapt men in de handen, dan komen zij +allen aanzwemmen, en werpt men ze brood toe, dan is het een leuk +gewemel van pooten en koppen en schilden en vinnen; en 't is geen +ongewoon gezicht, een karper boven op een kluwen van schildpadden +te zien spartelen, één voet boven het water. De visschen, met hun +grooteren bek, zijn er het best aan toe; men zou dus gevoegelijk van +karper-aandeel kunnen spreken. Na hier lang genoeg vertoefd te hebben, +lieten wij ons naar den Kasuga-Miya brengen, een Shinto-tempel. + +De Shinto-dienst is een inlandsche godsdienst en bestaat in de +vereering der keizerlijke voorvaderen, helden of geleerde mannen, die +veel voor het rijk opgeofferd hebben. Er zijn bijna 200.000 altaren +en tempels, over geheel Japan verspreid, waarin meer dan 800 goden, +halfgoden en heroën worden gehuldigd. + +Men kan een Shinto-tempel altijd gemakkelijk van een Boeddha-tempel +onderscheiden door de "Torii", een poort van bijzonderen vorm en van +hout of steen vervaardigd; terwijl men tot de laatste toegang verkrijgt +door de "Sanmon", een poort van twee verdiepingen. Ook zijn de eerste +gewoonlijk veel eenvoudiger van constructie en minder mooi versierd. + +Onder de rood-verlakte Torii doorgaande, voert een smalle weg, +aan weerskanten beplant met eeuwenoude denneboomen, naar den +tempel. Honderden tamme, heilige herten loopen hier vrij rond +en eten uit onze hand de koekjes, die in kraampjes te koop worden +aangeboden. Overal langs de lanen van het park, waarin deze tempel met +nog eenige andere gelegen is, staan ijzeren of steenen lantarens van +drie voet tot drie meter hoogte, die tezamen het respectabel aantal van +3000 bereiken, welke ééns per jaar van lampjes voorzien en aangestoken +worden, het park herscheppende in een feeëntuin. Verder vindt men er +gansche straten van winkels, waarin alleen voorwerpen worden verkocht, +vervaardigd uit de geweien der heilige herten. + +Geheele scharen bezoekers dwaalden door de kronkelende laantjes en +bleven soms voor een of ander altaar staan, ten einde een kort gebed +te doen of een handjevol rijst te offeren. + +Het merkwaardigste was wel een stal met een heilig paard er in, dat men +voor een paar centen een zekere hoeveelheid boonen te eten kon geven, +benevens eenige gepoederde dansmeisjes, die, ook al weer voor geld, +een heiligen dans uitvoerden. + +Vervolgens reden wij naar het eigenlijke doel van den tocht: de +Daibutsu of groote Boeddha, die zich bevindt in den tempel genaamd +Todai-ji, gesticht in de 8ste eeuw. Deze tempel is 50 meter hoog, +90 meter lang en 55 meter breed en bevat weinig meer dan het enorme +beeld, het grootste in geheel Japan. Met de beenen gekruist onder +het lijf, zit de Boeddha op een lotus-bloem, die eveneens van koper +is. In drie jaren tijds is men er, na herhaalde mislukkingen, in +geslaagd dit beeld te gieten. + +Wederom trof mij die massale rust, die glimlach van absolute +onpersoonlijkheid; hier echter is de rechterhand waarschuwend +opgeheven. De oogen staren oneindig ver weg, als om aan te duiden, +dat de ziel van den Boeddha in het Nirwâna vertoeft. + +Overweldigend moet de indruk van het beeld zijn op den eenvoudigen +geloovige, die opziet naar zijn Meester. Niet de vrees van den wilden +heiden, die slechts aarzelend zijn angstaanjagend afgodsbeeld nadert +en door allerlei formules diens toorn en wraak zoekt te bezweren, maar +eerbied en bewondering vervullen hem voor den mensch, voor Gautama, +den Boeddha, den Indischen prins, die vóór vierentwintig eeuwen vrouw +en kind, rijkdom en macht, troon en vaderland verliet om de Waarheid +te zoeken, en Haar eindelijk, na lange jaren van lijden en ontbering, +twijfel en dwaling, vallen en opstaan, vond in zijn eigen hart.... + +Niet ver van dezen tempel staat een pagode van vijf verdiepingen +(er zijn er wel met tien), waarvan de fraaie lijnen onze bewondering +afdwongen. De spits is zeer eigenaardig en doet denken aan een +kurketrekker. + +Daar hiermede het voornaamste van Nara was gezien, zochten wij +een Japansch restaurant op. Hier vroeg men ons, zooals trouwens +bijna overal, of wij Amerikanen waren; niet, omdat wij er zoo echt +Yankee-achtig uitzagen, maar, naar ik veronderstel, omdat van de +touristen de Amerikanen het grootste percentage vormen. Ze kenden +echter allen Holland, ook al hadden ze dikwijls nooit van Amsterdam +gehoord. + +Doch niet alleen uit het Oosten, ook uit het Westen komen jaarlijks +vele vreemdelingen Japan bezoeken. Het verwonderde mij daarom, dat +wij altijd nog de aandacht trokken. Vaak merkte ik op, dat moeders +ons hunnen kinderen aanwezen. Of dat steeds met even vleiende woorden +gepaard ging, durf ik betwijfelen. Misschien vertelden zij de kleinen +wel, dat dat nu "die blanke barbaren met hunne leelijke, ronde oogen" +waren, of dat zoo ongeveer de groote Russen er uitzagen, die van de +kleine Japanners zoo leelijk op hun gezicht kregen. + +Stonden wij b.v. in een winkel, die veelal over dag aan de straatzijde +geheel open is, dan verzamelde zich al spoedig een groepje menschen +er voor en keek nieuwsgierig naar ons, maar week beleefd op zijde, +als wij weer op straat kwamen. Was de winkelier soms aan het einde van +zijn Engelsch gekomen, dan trad gewoonlijk iemand uit het publiek, die +zich daartoe bekwaam achtte, naar voren en deed dienst als tolk. Hij +glom dan van genoegen, zeker evenveel door het toonen van zijn kennis +als het believen van den vreemdeling. + +Over het algemeen spreken in Japan de lieden, die met Europeanen in +aanraking komen, vrij goed Engelsch en dat is maar goed ook. Want +hunne taal leert men niet spoedig, vooral omdat zij vreemde +karakters gebruiken. In de havenplaatsen worden op uithangborden, +naamplaatjes enz. wel altijd de gewone letters er onder gezet--waarbij +soms vermakelijke fouten worden gemaakt--doch in het binnenland +ziet men zulks zelden. En met gebarentaal ondervond ik altijd +moeilijkheden. Niemand heeft die taal geleerd, hoewel elk haar kent, +maar ieder kent blijkbaar een verschillende. Wanneer ik iets duidelijk +meende uitgelegd te hebben, zoodat mijns inziens geen vergissing +mogelijk was, bleek de andere iets geheel anders te hebben begrepen. En +beiden vonden wij het erg dom en onbegrijpelijk van elkaar. + +Om half vijf waren wij weer in Kyoto terug en gingen eten in het reeds +genoemde restaurant, waar men een zeer goede, europeesche tafel krijgt +voor niet veel geld. + +Daarna bezochten wij een "Shibai" (theater). Kyoto is de bakermat +der Japansche tooneelkunst. Een zijner inwoners verzamelde eeuwen +geleden jongens en meisjes, die dansen konden, en deed hen opkomen +op een stellage te midden van een grasveld. Vandaar de naam Shibai, +d.i. "zittende op het gras". + +In de zoogenaamde Theater-straat, die men hier in alle groote steden +aantreft, is het dag en nacht een vroolijk gewoel, een kleurengewemel +van prachtige zijden vlaggen, die, zeer lang en zeer smal, van hooge +staken neerhangen of de geheele breedte der straat overkronkelen, +en een geschitter van kleurige, papieren lampions, alsof het altijd +feest ware. + +Aan de gevels ziet men niet onverdienstelijk geschilderde dramatische +scène's of komische tooneelen--de eerste het meest--afgebeeld, en +van alle kanten hoort men de tonen der muziek, die voor bioscoop of +acrobaten-troep het publiek moeten lokken. Kermisphotografen vindt men +er in menigte, waarzeggers eveneens; theehuizen, curiositeitenwinkels +en café-chantant's wisselen elkander af. Hier zitten in een winkel een +zestal jonge meisjes met vaardige hand en veel smaak prentbriefkaarten +te kleuren; daar is een wassenbeeldenspel, waarin men steeds dezelfde +woeste krijgers in oud-nationaal kostuum met korte haarvlecht en +wreede gelaatstrekken opmerkt, terwijl vóór den voorhang een kleine +doch griezelige groep de aandacht moet trekken; ginds weer hoort men +van de bovenzaal van een restaurant de banjo klinken. + +En de ricksja's voeren geen lantarens, maar lampions; de krantenjongens +roepen niet, maar hebben een bel rond hun middel gebonden; ieder loopt +met een waaier; de vrouwen en meisjes dragen geen hoed, maar hebben +allen bloemen in het donkere haar, dat bij de ongetrouwden op een +bijzondere manier is opgemaakt, bij de getrouwden glad naar achteren +weggestreken; zij dragen, evenals de mannen, klompjes, bestaande +uit een plat stuk hout met twee verticale plankjes er onder--hoe +vuiler de straat des te hooger de plankjes--, welke klompjes worden +vastgehouden door bandjes, die tusschen de van een teen voorziene kous +doorgaan. Bij het loopen hoort men een eigenaardig, klapperend geluid. + +Wij traden het voornaamste theater binnen en ontvingen een programma, +waarop in het Engelsch de naam van het drama en de prijzen der plaatsen +vermeld stonden. De rest was geschreven met die kabalistische teekens, +die, bij alle onaangename herinneringen aan evenwijdige streepjes, +die nooit evenwijdig, en puthaakjes, waarvan er nooit twee gelijk +waren, ons toch onszelven gelukkig doen prijzen, dat we geen Japansche +schooljongens geweest zijn. + +Als men in Japan een theater binnenkomt, merkt men altijd in +het portaal, dat de geheele breedte van het gebouw beslaat, een +ontzaglijke hoeveelheid klompjes op, die aan den wand hangen, +allen genummerd. Behalve de Europeanen gaat n.l. ieder op zijne +sokken binnen. + +Het geheele gebouw is electrisch verlicht en het zacht glooiende +parterre verdeeld in vierkante hokjes, slechts gescheiden door latten +en met matten belegd, waarin vier personen kunnen plaats nemen, hetgeen +zij doen hurkende of zittende op hunne knieën op een kussen. Het is +dus wel werkelijk "par terre". + +Twee gangen--feitelijk breede, onbelegde planken--die iets hooger +zijn dan de zitplaatsen, loopen van den achterkant regelrecht naar +het tooneel, dat op de gewone wijze is ingericht. Boven, aan den +achterkant, zijn de zitplaatsen evenzoo, doch op zijde zijn het een +soort van loges met schuifdeuren--alle deuren schuiven in een Japansch +huis--en een iets hoogere afscheiding, welke echter nog niet tot de +knieën reikt. Dat is de 1ste rang, waarop wij plaats namen, nadat +men ons een laag bankje gebracht had. Achter de loges is een gang, +van waar men bij de buren in huis of in een zijstraat kijkt. + +Het eerste wat opvalt is een ontelbaar aantal waaiers, zoowel door +ruwe knuisten als door poezele handjes in beweging gebracht, hetgeen +een eigenaardig effect maakt, daar deze, soms schitterend gekleurde, +in September hier nog onmisbare instrumenten nu in het licht, dan in +de schaduw zijn. Verder is het opmerkelijk hoeveel kleine kinderen met +hunne ouders meegaan, en hoe elke familie voorzien is van theeservies, +gebak- en vruchtenschaal en aschbakje. + +Ook wij bestelden thee--van groene, ongedroogde bladen, waaraan men +eerst moet wennen--en bepaalden daarna onze aandacht bij het tooneel. + +Het drama was reeds in vollen gang; er werd veel gepraat, handen +gewrongen en geweend, alles met begeleiding van muziek, maar naar ons +oordeel zat er niet veel actie in. Het midden van het tooneel was een +draaibare schijf, zoodat onder het spel de mise-en-scène soms geheel +veranderde. Na het vallen van het gordijn snelden vele bezoekers naar +voren, gluurden er onder door of begaven zich er zelfs achter. Nu en +dan kwamen de acteurs en actrices op, niet van achter de coulissen, +maar over de zooeven genoemde gang, dus midden uit het publiek. + +Wij snapten er natuurlijk niets van. Er was evenwel eene verrassing +voor ons weggelegd. Blijkbaar was het een modern stuk, want op +een gegeven oogenblik kwam een Europeaan op, een Japansch meisje +medevoerende, aan wie hij in een mengelmoes van Engelsch en gebroken +Japansch zijne liefde verklaarde op westersche wijze, hetgeen zeer den +lachlust scheen op te wekken. Zij wilde echter niets van hem weten, +waarop hij, vertoornd, een revolver nam en haar daarmede eenige malen +over het tooneel achterna liep, herhaaldelijk uitroepende: "Stop! I +will kill you". Voor hij evenwel aan zijn voornemen gevolg gaf,--gekund +had hij het al lang--verscheen er een krantenjongen op het tooneel, +beschermde het meisje en ontrukte den woestaard zijn wapen, die toen +z'n jas uittrok en z'n tegenstander te lijf wilde, totdat deze hem in +de knie schoot. Daarna kwam een andere Engelschman op. Deze wenkte +een ricksja, welks bestuurder in zijn zenuwachtigheid heelemaal den +gewonde niet hielp, doch ouder gewoonte eerst 'n voertuig afstofte +en, nadat de wonde over alles heen met een zakdoek verbonden was, +den snooden belager der onschuld langzaam wegvoerde, terwijl het +meisje met haren bevrijder verdween. + +Verscheidene blikken wendden zich naar boven om te zien, hoe wij die +scène opnamen. Natuurlijk schaterden wij het uit. + +Intusschen was het al laat geworden. Wij reden naar het station en +namen te kwart na twaalf den nachttrein naar Nagoya. + +Daar de beide banken van het rijtuig overlangs stonden en er slechts +één passagier was, hadden wij ruimte genoeg. Een trein-beambte trok +onze schoenen uit en bracht ons een paar sandalen benevens een +waaier, en weldra staken wij de wacht op, n.l. de wacht te kooi, +na den man order te hebben gegeven, ons een half uur voor aankomst +te "porren". En terwijl de trein in den helderen maannacht met ons +voortsnelde, voorbij Baba, Kusatsu, Osaki en Gifu, sliepen wij gerust. + +'s Morgens om 5 uur waren wij te Nagoya, een stad met ongeveer +1/4. millioen inwoners en bekend om hare porcelein-fabrieken en +zijde-weverijen. Ons eerste bezoek gold het Kasteel, hetwelk dagteekent +uit het begin der 17de eeuw. Het bestaat uit vijf verdiepingen, +opgetrokken in den interessanten Japanschen bouwstijl, en is omringd +door breede, hoewel droge grachten en enorm dikke steenen wallen. + +Boven op de nok staan twee gouden dolfijnen, die nog heden ten +dage met dezelfde glorieuse pracht in het zonlicht glinsteren als +voorheen. Hunne hoogte is 2,5 Meter; zij zijn gemaakt van oude, +Japansche goudstukken en worden gezegd eene waarde te vertegenwoordigen +van f 4.000.000. Eén er van is in 1873 op de tentoonstelling te Weenen +te zien geweest. + +Daar wij geen permissie hadden het Kasteel te betreden,--waarvoor +eene aanbeveling van den gezant te Tokyo noodig is--moesten wij +ons met den buitenkant vergenoegen en onze fantazie te hulp roepen +om eene voorstelling te krijgen van de pracht, die er binnen moet +heerschen. Het behoort aan de keizerlijke familie. + +Vervolgens bezochten wij de vermaarde oudheidwinkel van Asahina. Nooit +heb ik zooveel antiquiteiten bij elkaar gezien. Harnassen, +maliënkolders, helmen, zwaarden, dolken, speren, pijlen, bogen, +lansen, beschermplaten voor paarden, stijgbeugels van wel 10 kilo +gewicht, maskers, heidensche goden, altaren, reliquien, potten en +pannen,... dat alles lag dooreengestapeld op de beide verdiepingen +van het huis, zoodat men zich nauwelijks kon roeren. Afgodsbeelden +om van te droomen, vaasjes om te stelen, porceleinen borden om van +te watertanden, beschilderde waaiers van eeuwen her, soms half tot +stof vergaan, en ik weet niet wat nog al meer. En ze gooien er met +honderdtallen van jaren en tientallen van yen's (1 yen = ± f 1.25), dat +men er wee van wordt. Men kan echter afdingen, maar dat is eigenlijk +niet eens prettig, want na er b.v. 20% te hebben afgekregen, heeft +men per slot van rekening later toch altijd het idée, minstens nog +den dubbelen prijs te hebben betaald. + +Buiten op het uithangbord staat: 800.000 curios. Of ze dat getal ook +met zes verminderd hebben na ons vertrek? Ik denk, dat het altijd +wel 800.000 zal blijven. + +De ricksja-koelies, die al dien tijd getroost op ons hadden gewacht en +zich den tijd gekort met het rooken van een onnoemelijk aantal pijpjes, +brachten ons daarna op een plein, alwaar een gedenkteeken staat, +opgericht ter eere van de gevallenen in den oorlog met China, 1894/95. + +Het oude Japan stichtte tempels en altaren en feestdagen ter +nagedachtenis zijner helden; het moderne Japan richt monumenten op, +gekroond door een nieuwerwetsch projectiel, dat 's avonds omgeven +wordt door een krans van electrische lampjes. + +Het was inmiddels middag geworden, de scholen gingen uit en wij +hadden gelegenheid, het jeugdige Nippon eens goed op te nemen. De +meisjes, zonder hoed, maar allen gewapend met een zwarte parasol, +hadden in zóóverre aan de westersche mode geofferd, dat haar kleeding +van boven op een kimono en van onderen meer op een damesrok geleek, +die dan bijna altijd donkerrood was. Ook droegen enkelen schoenen. + +Bij de jongens kon men de verschillende scholen onderkennen. Sommigen +liepen in de nationale kimono, met een grooten hoed op, terwijl van +een andere school allen een wit pak aan hadden, met een pet. Er waren +verscheidene intelligente gezichten bij. + +Na in ons hotel geluncht te hebben, namen wij onze siësta totdat de +grootste hitte ietwat geweken zou zijn. + +Klokke vijf vond ons staande op de electrische tram, die van het +station door de lange, breede en drukke hoofdstraat geheel Nagoya +doorkruist en een half uur verder ergens buiten de stad eindigt. De +conducteur verstond geen Engelsch en begreep er niets van toen wij, +aan den terminus gekomen, slechts van balcon verwisselden en weer +mee teruggingen. Het was evenwel een gemakkelijke en prettige manier, +het leven in die drukke straat vol winkels, bazaar's, restaurants en +theaters eens goed op te nemen. + +Japan is het land der contrasten! + +Welk een zonderlingen indruk maakt het niet, wanneer men in een +kapperswinkel, slechts door een gordijn van kralen van het trottoir +gescheiden, den barbier in zwembroekje en lang hemd het hoofd +van een even ongekleeden bezoeker ziet behandelen, edoch met de +allernieuwste tondeuse, terwijl de klant bij het electrisch licht +in de courant de allerlaatste telegrammen uit de geheele wereld +leest en een electrische waaier hem intusschen een heerlijk koeltje +toewuift! Of wanneer men in een nauwe straat een warnet van telegraaf- +en telefoon-draden ziet, terwijl de huizen van gloeilampjes zijn +voorzien en de straatverlichting uit booglampen bestaat! Of ook, +als men in een steeg eenige onaanzienlijke winkels binnentreedt en +daar verrast wordt door de nieuwste snufjes op elk gebied! En in de +haven! Bijna overal zijn het vrouwen, die de schepen met steenkolen +beladen. Moeders dragen onder dat werk haar zuigelingen op den rug, +en deze blijven rustig doorslapen onder het doorgeven der mandjes +kolen. Wordt er even gerust, dan krijgt de kleine de borst, en +ondertusschen stopt mama een pijpje en dampt en spuwt er lustig op los. + +Daarentegen wordt men b.v. in het post- en telegraafkantoor te +Tokyo geholpen door allerliefste jonge dames, die, gekleed naar +de voorlaatste Parijsche mode, den vreemdeling vriendelijk en in +onberispelijk Engelsch te woord staan. + +Een koelie, in meergemeld zwembroekje en met of zonder hemd, trekt +een kar voort. Hij rust even uit, vuil en bezweet. Maar in plaats +van een roode katoenen zakdoek, neemt hij van zijn kar een keurigen +waaier en gebruikt dezen niet geheel zonder gratie. + +En zoo zou ik nog veel meer kunnen opnoemen. + +Toen het donker werd, gingen wij naar het hôtel terug en gebruikten +na het diner de thee op het balcon, waar Sjiso en Nóbo, de dochters +van den hôtelhouder, ons gezelschap hielden. + +Wij spraken over allerlei dingen, en natuurlijk ook over den +oorlog. Tegen de Kussen waren zij bitter gestemd, hetgeen wij des te +beter konden begrijpen, toen zij ons vertelden dat een broer van haar +in den slag aan de Yaloe gesneuveld was. + +Het lawaai der stad klonk als het ruischen eener rusteloos deinende +zee in de verte; aan den helderen sterrenhemel straalde de maan, +en beneden in den tuin klaagde een banjo.... + +Dit alles was zeer poëtisch, maar aan alles komt een einde, en +vier minuten na middernacht zaten wij weder in den sneltrein naar +Tokyo. Sayonara (vaarwel), Nagoya! Sayonara, Sjiso! Sayonara, Nobo! + +Wij troffen het minder goed dan den vorigen nacht. De banken waren +bijna geheel ingenomen door slapende reizigers, allen in meer of +minder bekoorlijk négligé, en wij moesten ons met een zitplaats +vergenoegen. Van slapen was dus voor mij geen sprake. Ik deed maar +net alsof ik de "hondewacht" had en trachtte rookende en lezende den +tijd te dooden. + +Spookachtig gleed het landschap ons in het blauwe maanlicht voorbij; +soms ging het vlak langs de kust en zagen wij den Grooten Oceaan +glinsteren. Mijn reisgenoot was weldra ingeslapen; wat mij betreft, +een zachte plank om op te liggen is mij voldoende, doch zittende kan +ik niet slapen. Er was wel een slaapwaggon, maar dat was ons te duur. + +Mijn buurman, een roode Ier, bood mij zeer vriendelijk eenige malen +zijn whisky-flesch aan, met het gezegde: "a small drip in the morning +is better than a lot in the day". Ik bedankte echter en verdacht hem, +van ook "a lot in the day" niet afkeerig te zijn. Gelukkig brak om 5 +uur de dag aan; het werd levendig in den waggon, van die ongegeneerde +levendigheid, welke ontwakenden personen eigen is. Van toilet-maken +was evenwel pas sprake toen wij Tokyo naderden. + +Japan is dicht bevolkt en volgt daarin op België en Nederland. Wij +snelden langs steden en dorpen, over rivieren en door tunnels, +voorbij heuvels en valleien, met voortdurend de Fuji-Yama in de blauwe +verte, de heilige berg van Japan, 12.400 voet hoog, welke men overal +afgebeeld ziet: op waaiers en photo's, op porcelein en lakwerk, en +die, als een oude, trouwe waker, met zijn besneeuwde kruin de wacht +schijnt te houden over gansch Nippon, en zoowel de Japansche Zee als +den Stillen Oceaan domineert. + +Half tien arriveerden wij te Tokyo. De stad heeft ruim 1.400.000 +inwoners en beslaat de enorme uitgestrektheid van honderd vierkante +mijlen, wat niet te verwonderen is, als men bedenkt dat de huizen over +'t algemeen laag zijn en zelden meer dan ééne verdieping hebben. De +ministeries en andere gouvernementsgebouwen, de vreemde legaties en +paleizen maken hierop natuurlijk eene uitzondering. Deze zijn alle +gebouwd in westerschen stijl. + +Het paleis van den Mikado daarentegen is echt Japansch. Het staat in +het centrum der stad, omringd door wallen en grachten. Oorspronkelijk +was het een fort, de sterkte der Tokagawa-regenten, gebouwd in de 13de +eeuw, toen Yeddo nog slechts een klein dorpje was. In 1868 werd deze +naam veranderd in Tokyo, hetgeen beteekent: "Oostelijke hoofdstad", +om het te onderscheiden van Saikyo of "Westelijke hoofdstad", den +naam, ter zelfder tijd aan Kyoto gegeven. Verscheidene malen door +brand vernield, dateert het tegenwoordige gebouw slechts van 1889. + +Wij besloten, voor de curiositeit eens in een Japansch logement +te overnachten. Ook voor de deur van zoo'n logement staat het vol +klompjes. Binnenshuis draagt de Japanner sandalen van gevlochten +stroo, zonder de vroeger vermelde verhoogingen er onder. Het loopen +op die klompjes--waarbij wij gevaar zouden loopen onze enkels te +verstuiken--is nu juist niet elegant, daar de voeten binnenwaarts +gekeerd zijn. Ook geeft het een eenigzins hulpeloos idée, vooral bij +vrouwen, ofschoon ze er toch vrij vlug op voort kunnen en het nog +een zeer groot verschil maakt met de hulpeloosheid hunner Chineesche +zusteren, die zonder steun bijna niet kunnen loopen op haar walgelijk +verminkte voetstompjes. Alles wijst er echter op, in den tegenwoordigen +tijd, dat China ontwaakt, en zoo is er ook pas eene vereeniging +opgericht tegen die gruwelijke misvorming. Les idées marchent! + +In het eerste logement, waar wij afstapten, sprak men bijna +geen Engelsch, in het tweede kon men ons geen europeesche tafel +verstrekken. Bovendien zag de kamer, waarin ik een kijkje nam, +na mijne schoenen te hebben uitgetrokken, er wel netjes, maar zeer +ongezellig uit, doordat zoowel stoelen als tafel ontbraken. Bedden +waren er ook niet; men slaapt op den grond op matten en kussens, en +eet op zijn kamer met houten of beenen stokjes, terwijl men daarbij +zijne houding voor 't kiezen heeft. Het leek ons minder aangenaam toe, +en ten slotte kwamen wij toch weer in het Hôtel Métropole terecht, +alwaar wij onze vermoeide ledematen op een behoorlijk bed uitstrekten +en vervolgens lunchten in een vroolijke zaal, uitzicht gevende op de +haven, onder tal van slingerende "poenka's", door bedienden buiten +de zaal in beweging gebracht. + +Een kleine lofrede op de hôtels in Japan is hier wellicht op hare +plaats. En eene lofrede moet het zijn, want, hetzij onder Europeesch, +hetzij onder Japansch beheer, de bediening is er uitstekend, de +keuken uitmuntend, het menu uitvoerig en het bed uitlokkend. Ze zijn +van de nieuwste gemakken voorzien, het personeel is zeer attent, +men behoeft nooit iets tweemaal te vragen en slechts te zinspelen op +het een of ander om het te krijgen, als het ten minste mogelijk is. + +Na den middag spoorden wij naar Yokohama, waar het schip lag, gingen +even aan boord, ontdeden ons van de overtollige bagage en spoorden +daarna weer terug naar Tokyo. + +In beide steden zag men overal voor openbare gebouwen, legaties, +consulaten, hôtels, enz. politie geposteerd, versterkt door +soldaten. Het was juist in de historische dagen na het bekend +worden der vredesvoorwaarden, die de beruchte troebelen ten gevolge +hadden. Opmerkelijk, dat het volk tot gewelddadigheden overging +alleen in die plaatsen, waar vele vreemdelingen wonen, n.l. Tokyo, +Yokohama, Osaka en Kobé. Toch merkten wij nergens iets van eene +anti-vreemdelingen-stemming, niemand veroorzaakte ons ooit eenigen +last, integendeel, men kwam ons vaak tegemoet met den Japanschen +groet: "Ohayo" (eigenlijk: goeden morgen), en was steeds beleefd +en hulpvaardig. + +Ook voor ons hôtel in Tokyo was een tent opgeslagen en liep een +gewapende schildwacht heen en weer. Toen wij 's avonds langs de haven +wandelden, door haar geringe diepte slechts bereikbaar voor kleine +schepen, en door de opening der tent de soldaten zagen rooken en +praten bij het flauwe licht van een olielamp, werden onze gedachten +als vanzelf gevoerd naar de doodenvelden van Manchourije. + +Voor de poort, die toegang gaf tot den tuin, had de schildwacht het +geheele bediendenpersoneel om zich heen verzameld, dat aandachtig naar +hem luisterde. Waarschijnlijk vertelde hij hen van de slagvelden +aan gindsche zijde der Japansche Zee, van den moed der Russen, +de nog grootere doodsverachting hunner tegenstanders, en van de +overwinningen, die altijd waren aan de zijde van het grootste +intellect, den onverzettelijksten wil en de vurigste vaderlandsliefde. + +Wij begaven ons vroeg ter ruste, want een lange dag wachtte ons. + +Den volgenden morgen zaten wij om 4 uur reeds in de ricksja, daar de +trein een uur later van het Uyeno-station vertrok, gelegen aan het +andere einde van Tokyo. Het begon pas te schemeren en de stad lag nog +in diepe rust. Hier en daar een enkele voetganger, een patrouilleerende +agent of soldaat, of een ricksja-koelie, die in zijn voertuig zat te +slapen, door een deken beschermd tegen de ochtendkoelte, was het +eenige, dat de egale grauwheid van den September-morgen verstoorde. De +lage, houten huizen met hunne oploopende dakvorsten staken grijs +af tegen de heldere sterrenlucht, die wederom een prachtigen dag +beloofde; achter hunne gesloten luiken, van waar geen enkel lichtje +uitstraalde, leken zij wel gepantserde blokhuizen. + +En zoo draafden onze koelies door een warnet van straten drie kwartier +lang voort, rechts-om, links-om, rechts-om, links-om ... zonder ooit +een oogenblik te aarzelen. + +Aan het station vroeg ik aan de jonge dame achter het loket--aan de +groote stations vindt men hier veel dames-employées--in het Japansch +twee kaartjes naar Nikko [1], maar dat bekwam mij slecht. Zij vroeg +mij op haar beurt iets in dezelfde taal en toen bleek mijne onkunde +en moest ik wel terugkrabbelen en Engelsch spreken. + +Wij reisden tweede klasse, een zuinigheidsmaatregel, want het geld +is in Japan minstens even rond als ergens anders en de winkels zijn +er verleidelijker. De tweede klasse is echter zeer netjes; even goed +als in Europa. + +Vrouwen en meisjes schijnen in Japan tamelijk veel vrijheid te +genieten, maar van de galanterie der mannen heb ik geen zeer hoogen +dunk. Ten minste, wij zaten naast een echtpaar, waarvan _zij_ last had +van de zon. _Hij_ dacht er blijkbaar niet aan, met haar van plaats +te verwisselen, en nadat onze pogingen, de jalouzie op te trekken, +gefaald hadden, stonden wij haar onze plaats af en kwamen zoodoende +tusschen hen in te zitten. De echtgenoot vond zulks waarschijnlijk +geheel overbodig, want toen zij een half uur later uitstapten, deed hij +zulks zonder boe of ba te zeggen of ons met een blik te verwaardigen, +terwijl zij dankend boog. Dit kleine lesje in westersche beleefdheid +jegens het schoone geslacht viel schijnbaar niet in goede aarde. + +Krijgt een burgerman eenigszins aanzienlijk bezoek, dan zitten vrouw +en dochters niet mede aan, doch bedienen en bewaaieren den gastheer +en zijne gasten. Na afloop van den maaltijd mogen zij gaan eten. En +toch is er te Tokyo eene universiteit voor vrouwen! + +Tegenover ons zat eene dame in een keurige kimono. Het zitten op de +gewone manier verveelde haar zeker na eenigen tijd, zoodat zij hare +sandalen uittrok en met de knieën onder het lichaam plaats nam. Dit +bewerkstelligde zij op haar nauwe plaats door eerst met het gezicht +naar den wand te gaan zitten, in welke houding zij zich in den korst +mogelijken tijd op de kleinst mogelijke ruimte wist om te draaien. + +Even later nam zij uit haar wijde, afhangende ondermouw, welke voor zak +dient, een keurig zijden doekje en ontrolde dit, waarna te voorschijn +kwamen een keurig zijden foudraaltje, waarin een tabakspijpje met +klein, koperen kopje, een keurig zijden tabakszakje en een doosje +lucifers. Zij stopte het pijpje en stak het aan. Na eenige trekjes +was het al leeg; deze manoeuvre nu werd een keer of vier herhaald, +waarna alles weer werd opgeborgen. Het maakte een wonderlijk effect. + +De weg was eenigszins eentonig: het ging voortdurend door vlak en +vruchtbaar bouwland. Doch in de verte vertoonden zich als een belofte +de bergen, die wij naderden. Ten 8 uur moesten wij overstappen te +Utsunomiya en hadden daar ruim een half uur tijd. Daarna duurde de +rit nog zeven kwartier. + +Wij hadden eene afdeeling van twee coupé's geheel voor ons +alleen. Weldra begon de weg sterk te stijgen, de natuur veranderde en +het duurde niet lang of wij hadden geen oogen genoeg. Wij liepen van 't +eene raampje naar het andere, keken nu voor-, dan achteruit en werden +niet moede, elkaar op de prachtige vergezichten opmerkzaam te maken. + +Nu eens boeiden ons de trotsche bergen, bedekt met donkergroene +pijnboomwouden, afgewisseld door het lichtere groen der eiken; dan +weer rustte het oog met niet te beschrijven verrukking op glanzende +valleien met blinkende meren; soms werd onze aandacht gevangen door +een enkel boschje glinsterende berken, als een fijn grijs-groen +getinte schilderij, gevat in bruin-fluweelen omlijsting van beuken, +of een idyllisch dorpje, half verscholen achter teer sparregroen; +even later omvatte onze blik een golvende vlakte, bekoorlijk door de +oneindige kleurschakeeringen van duizenden veldbloemen. + +En waar af en toe de flanken der bergen elkander naderden en +slechts luttele ruimte overlieten voor de ijzeren baan, die door +het puffende, achtwielige monster slechts langzaam veroverd werd, +den blik begrenzende, de zon verbergende, daar was het uitzicht +des te verrassender, als zich wederom de gansche omtrek aan ons oog +vertoonde, badende in het gouden zonnelicht, dat de dalen vulde en de +bergen streelde, dat de wouden kuste en op de watervlakten danste, +dat minnen _moest_ dit zijn land, dit land der zonne, der rijzende +zonne.... Het was onvergelijkelijk schoon. + +De temperatuur was zeer aangenaam en een heerlijke dennengeur vervulde +de lucht. Een prachtige weg, aan weerszijden beplant met eene dubbele +rij eeuwenoude dennen, voerde van Utsunomiya naar Nikko en liep het +laatste gedeelte vlak langs den spoorweg. + +Half elf arriveerden wij op onze bestemmingsplaats, waarvan een +Japansch spreekwoord zegt: "Nikko minai uchi wa, kikko to iuna", +hetgeen beteekent: "Totdat gij Nikko gezien hebt, zeg niet kikko", +d.i. magnifiek. + +Nikko ligt op eene hoogte van 2000 voet te midden der bergen en wouden, +heeft een koel klimaat en is dan ook een druk bezocht zomerverblijf. In +den omtrek wemelt het van watervallen, warme bronnen en kopermijnen. + +Wij lieten ons naar het prachtig gelegen Kanaya-hôtel brengen, waar +nog juist twee kamers disponibel waren. Overigens was het geheel bezet, +zeker wel eenigszins het gevolg van de groote, jaarlijksche processie, +die den volgenden dag zou gehouden worden. + +Wij lunchten in de eetzaal en ik wenschte wel, dat ik daarvan een +goed idée kon geven. Het was een ruime, lichte zaal, voorzien van +een vroolijk beschilderd plafond en met tal van typische, japansche +schilderijen aan den muur. Aan de overal verspreide tafeltjes, bedekt +met flonkerend kristal en veelkleurige bloemen, zat een opgewekt, +internationaal gezelschap, en daartusschen bewogen zich een twaalftal +lieve japansche meisjes met haar eigenaardige dribbelpasjes, gekleed in +lichte kimono en kleurige, zijden obi, een breede ceintuur, die eenige +malen om de middel gewonden wordt en van achteren zóódanig opgenomen, +dat het net lijkt, alsof zij een kussentje op den rug hebben; met +een frisschen, door de gezonde berglucht veroorzaakten blos op de +wangen, en bloemen in de glanzend zwarte lokken; welke meisjes met +sympathieken blik, zachte stem en gracieus gebaar de gasten bedienden. + +Rondom de geheele zaal liep een glazen veranda, die een prachtig +uitzicht vergunde op de bergen, terwijl beneden in de diepte een +wilde bergstroom zijn eeuwigdurend lied zong.... + +Daar wij den volgenden morgen weer terug moesten, wilden wij +dienzelfden dag nog de Kegon-waterval bezoeken, den hoogsten van +Nippon. Het is een vrij verre tocht, dien men doet te paard, per +ricksja of in een draagstoel. Wij kozen het eerste en stegen om half +twee in het zadel. Een groom werd ons meegegeven om den weg te wijzen. + +Een hulpbrug bracht ons aan de andere zijde der rivier. De +rood-verlakte heilige brug, welke anders daarvoor dienst doet, +was kort geleden door de golven meegesleurd, hetgeen bewijst dat +voor de elementen niets heilig is. De tocht ging eerst langs +de rivierbedding en soms een eind er door. Het landschap was +buitengewoon mooi. De weelderige, afwisselende plantengroei op de +hellingen der ons aan alle zijden omringende bergreuzen, helaas nog +geen sterk geprononceerde herfsttinten vertoonende; de steile rotsen, +soms in woeste wanorde langs het pad oprijzende; de overhangende +boomen, hun grillige kronkelvormen afteekenende tegen de blauwe +lucht; de diepe kloven, waarlangs de paarden met rustige zekerheid +voortdraafden; de schitterende bloemen, tegen de met mos en varens +begroeide granietwanden opklimmende tot onbereikbare hoogten; het +vogelenheir, zingende in het geboomte ... dat alles maakte op ons +een onvergetelijken indruk. + +Op sommige mooie punten, een magnifieke kiek biedende op een +waterval of rotspartij, stonden theehuizen. Wij hadden echter haast +en hielden ons nergens op. De weg werd steil en zigzagwijze ging +het naar boven. Onze groom was, naar wij meenden, achtergebleven, +maar op een zeker punt zagen wij hem in een theehuis zitten rooken en +drinken, terwijl hij op ons wachtte. Hij had n.l. het veel kortere, +voor paarden onbegaanbare voetpad gevolgd. + +Om 4 uur waren wij bij den beroemden waterval, die van eene hoogte +van 250 voet naar beneden stort. Wij daalden langs een smal paadje +naar beneden en bevonden er ons vlak tegenover, aan den anderen kant +van het ravijn, waaruit een fijne mist opsteeg, die den bodem geheel +verborg. Het was een grootsch gezicht. Uit het donkere oerbosch te +voorschijn snellende viel de breede waterkolom met donderend geraas +naar beneden; door een sluier van duizende in het zonlicht glinsterende +waterdroppels zagen wij den mozaïekwand der rots, op vreemde manier +met scherpe, naar beneden wijzende punten uitgesleten en begroeid +met bloemen, varens en rood, bruin en groen mos. + +Slechts noode verwijderden wij ons van dit schouwspel. Een ritje van +5 minuten bracht ons bij het bergmeer van Chuzenji, 4400 voet boven +den zeespiegel gelegen, 12 K.M. lang en 4 K.M. breed. Het voedt den +grooten waterval. + +Op de brug, die naar het Lake-Side-hôtel voert en waaronder het +water slechts langzaam voortstroomt, om echter spoedig te versnellen, +bleven wij vol bewondering staan. De zon had zich achter een donkere +wolk verborgen, welks gekartelde randen zij gouden kleurde, en hare +stralen vielen heel in de verte op het kalme meer, op den achtergrond +van bergen en op den 8800 voet hoogen vulkaan Shirane-San. + +Het contrast met het even te voren geziene was groot. Hier de +liefelijke kalmte der uitgestrekte watervlakte, daar de woeste +grootschheid der ontbonden natuurkrachten; hier de zachtkens kabbelende +golfjes aan den oever, daar de vrijgelaten bruisende watermassa's. + +Kinderen speelden aan den kant, zwaluwen scheerden langs de +oppervlakte, witte zeilen gleden over den vloed en jonge menschen +waren aan 't spelevaren in slanke roeibootjes. + +Het was een ideaal plekje, een Eden op aarde! + +Wij rustten wat uit in het hôtel, welks uitgestrekte tuin een pracht +van lelies en een kleurenweelde van chrysanthen vertoonde, en stegen +toen weder te paard. + +De lucht betrok en weldra reden wij in een vochtigen nevel, waarin +het gebergte dreigende, spookachtige gedaanten aannam. Onder het +zware geboomte werd het spoedig duister, zoodat wij stapvoets moesten +gaan. De paarden schenen bij voorkeur vlak langs den kant van het +ravijn te loopen, waar één misstap den dood beteekende. Doch waar is +de jeugd, voor wie het gevaar geen aantrekkingskracht bezit? + +Bovendien zijn zij zeer vertrouwd en zóózeer op hun eigen veiligheid +bedacht, dat wij ze gewoon hun gang lieten gaan. + +Spoedig werd de weg minder steil en konden wij draven. Mijn paard had +blijkbaar zwakke voorpooten, het was al een paar malen gestruikeld +en juist toen wij in de schemering met flinke snelheid eene helling +afgingen, viel het op zijne knieën en wierp mij af. Wat doet ook een +zeeman boven op een biek! + +Gelukkig had ik mij heelemaal niet bezeerd; erger was evenwel, dat +wij ons allebei al zoo ongeveer doorgereden hadden. Of het kwam door +het Japansche zadel, of door den hoogen gang der dieren, ik weet het +niet, maar het was met opeengeklemde tanden,--hoewel in sierlijken +draf, daar wij niet konden vergeten, dat wij in dit cosmopolitisch +gezelschap "Nederland" vertegenwoordigden--dat wij om 7 uur voor ons +hôtel aankwamen, waarna de marteling van het laatste uur een einde nam. + +Aan tafel veroorzaakte het eenige hilariteit, toen ik de lieftallige +Hebe, die ons bediende, met gebaren duidelijk maakte, dat ik gaarne een +kussen op mijn stoel wenschte te hebben. Mijn reisgenoot versmaadde +dit verzachtingsmiddel, doch trok dan ook onder het eten van de soep +gezichten, die veel te denken gaven, echter niet omtrent de soep. + +Nog lang bleven wij rooken en praten in de heerlijk koele avondlucht, +totdat vermoeidheid ons naar bed dreef. + +En zoo brak dan de laatste dag van mijn verlof aan, een donkere, +trieste morgen. Het motregende af en toe. Wij lieten ons daardoor +evenwel niet afschrikken en zaten om half zeven al weer in de ricksja, +teneinde nog zooveel mogelijk te kunnen zien. Daar we naar boven +moesten, hadden we aan één koelie niet genoeg en kwam er nog een tweede +bij, die genoemd wordt "ato-oshi", d.i.: duwer. Hortend en stootend +hobbelden de ricksja's over den weg, wat in onze omstandigheden nu +juist niet bijster aangenaam was. + +Millioenen regendruppels schitterden in ontelbare spinnewebben tusschen +het lage hout; tegen de bergen lag een blauw waas, waarin de dennen +kleurloos stonden, als op het punt van te vervluchtigen. Na een half +uur stapten we af bij een theehuis en daarna bracht eene wandeling +van tien minuten, nu eens stijgende, dan weer dalende, over een smal +pad langs den rand eener kloof ons bij een rustiek bruggetje op den +bodem van een ravijn, vlak onder den Urami-waterval, die 50 voet hoog +is. Het was een woest brokje natuur. + +Wild dooreengeworpen rotsblokken rondom, waaruit overal groote +en kleine waterkolommen te voorschijn kwamen, die zich beneden +vereenigden en zich daar, bruisend en spattend, een weg baanden over +den steenigen bodem; hoog boven ons een stukje grauwe hemel, waarin +langzaam overdrijvende nevels van hunnen last afgaven aan de takken +der boomen, welke dien weder druppelend op ons deden nederstorten; +en nergens eenig teeken van leven te bespeuren. Langs denzelfden weg +wandelden wij terug, dronken een kopje thee, kochten als souvenir +eenige photo's en stukken kopererts van de mijnen daar in de buurt, +en waren ten 8 uur bij den Yasu-tempel, den mooisten Shinto-tempel +van Japan. + +Eene beschrijving van dit complex van gebouwen zou boekdeelen vullen, +en eveneens de verklaring der beteekenis van al hetgeen men hier +ziet. Er is misschien geen enkele Europeaan, die dit laatste zou +kunnen. + +Wij hadden slechts tijd voor een vluchtig bezoek. Allereerst viel onze +aandacht op een stal met een heilig paard, dat opgetuigd was als voor +een steekspel en eenige uren later aan den optocht zou deelnemen. In de +andere helft van dit gebouwtje zaten twee dansmeisjes in lange roode +en witte gewaden, die voor een paar koperen muntstukken een heiligen +dans uitvoerden. Met zedig neergeslagen oogen en langzamen cadans +bewogen zij zich voor- en achterwaarts en vormden vreemde figuren, +in de eene hand een waaier houdende en in de andere een handvat met +koperen belletjes. Dan hurkten zij weer neder, bogen ten dank eenige +malen diep met het hoofd op den grond, en zaten verder zwijgend en +bewegingloos te wachten. + +In het mausoleum van Iyeyasu, een beroemden "Shogun", bewonderden +wij het prachtige snijwerk van deuren en plafonds, voorstellingen +van beesten, vogels--waarbij de ibis een groote rol speelt--bloemen, +vruchten, enz. + +Onze schoenen moesten wij buiten de deur uittrekken; binnen heerschte +een doodsche stilte en een mystiek halfduister, waarin het goud en +koper van altaren en beelden een vreemden glans verkreeg. + +Nog meer uitgesneden en beschilderde paneelen, elk weer een andere +teekening vertoonende; nog meer begraafplaatsen van vermaarde +"Daimyo's"; nog meer beelden van vroegere oorlogshelden, half naakt +en nu eens groen, dan blauw van kleur, met woeste, grijnzende trekken +en gespannen boog of getrokken zwaard. In één gebouw hing zelfs een +schilderij van een modern slagschip en zat een symbolieke adelaar +op den mond van een snelvuurkanon. Is het wonder, dat de Japanner +slechts overwinnen of sterven kent, ondanks de leer van Boeddha, +die verbiedt te dooden? + +En langs de grijze, verweerde steenen trappen, waarop mos van eeuwen +her, opklimmende naar weer andere poorten, naar weer fraaie torens, +heeft men het oerwoud rondom. + +Er waren vele bezoekers en de pleinen en gangen begonnen zich al te +vullen met de deelnemers aan de jaarlijksche processie, gehouden +ter nagedachtenis van Iyeyasu. Kleurige altaren en banieren, +wonderlijke kleedingstukken en hoofddeksels, antieke wapens en +wapenrustingen,... het beloofde een interessant schouwspel te zullen +geven. Wij konden er helaas niet van genieten, daar de tijd van vertrek +naderde. Alras waren wij op weg naar het station, na onze bagage te +hebben gehaald van het Kanaya-hôtel, dat ik niet licht zal vergeten. + +En dat niet wegens zijn onovertrefbare tomatensoep, niet om +zijn overheerlijke zalm uit het bergmeer, noch om zijn delicieus +pijnappelijs, zelfs niet wegens de donkere amandel-oogen zijner +bekoorlijke, dienende geesten, die der volmaaktheid nabij komen en den +onuitgesproken wensch gehoorzamen, maar enkel om het onvergelijkelijk +natuurschoon in zijne nabijheid, om den zorgen-bannenden invloed +zijner paradijsachtige omgeving. + +En gij, globe-trotter, die geluisterd hebt naar het zoet-vloeiende +"Dormi o bella" van den gondelier in den Venetiaanschen toovernacht en +bij maanlicht den Nijl zijt afgevaren, terwijl uw bootje schuurde langs +het papyrus-riet en een bruine gestalte op de voorplecht op zangerigen +toon zijnen makkers verhalen deed uit de "Duizend-en-een-nacht"; +die evengoed bekend zijt in den Harz als in de Ardennen; die het +weemoedvolle lied van de Lorelei gezongen hebt aan den Rijn en de +tintelende Marseillaise aan de boorden van de Seine; die gezworven hebt +zoowel in de Schotsche hooglanden als in het Zwarte Woud; die de Alpen +hebt beklommen en op een drijvend hôtel naar de Nieuwe Wereld zijt +overgestoken; die het land der middernachtzon hebt leeren liefhebben en +ook uw eigen vaderland hebt leeren waardeeren; die den zonsondergang +hebt aanschouwd onder de linie ergens op den Oceaan en den zonsopgang +aan het Vierwaldstädtermeer; die Napels hebt gezien zonder te sterven +en Monte-Carlo zonder te spelen ... voor u herhaal ik: + +"Nikko minai uchi wa, kikko to iuna!" + +Ten 11 uur van Nikko vertrekkende, waren wij 4.15 te Tokyo en gingen +precies 6 uur door met den nachttrein naar Kobe. We konden dus niets +meer zien van Tokyo, zijne straten en paleizen, zijne schouwburgen +en bazaars, zijne tempels en museums, zijne parken en vijvers. Dat +was wel jammer, doch kon niet verholpen worden. De plicht gebood ons +terug te keeren. + +Wij hadden trouwens al veel meer ongezien moeten laten, zelfs in de +plaatsen die wij bezochten. + +In den trein was eene restauratie-wagen, waar men zeer smakelijk kon +eten. Overal electrisch licht en dito waaiers. + +Wat de spoorwegen aangaat is alles hier uitstekend in orde. Op +alle stations vindt men duidelijke aanwijzingen in de Japansche en +Engelsche taal aangaande den loop der treinen. Bordjes vermelden het +eerstvolgende station aan beide kanten, en den afstand tot begin- en +eindpunt der lijn. Nergens behoeft men de rails over te steken, want +zelfs op de kleinste stations leidt een ruime brug, geheel overdekt, +naar het 2de perron. Blijkbaar zijn de zaken hier van het begin af +goed aangepakt en was er een ruime beurs voorhanden. Maar de Japanners +konden ook dadelijk van de nieuwste uitvindingen gebruik maken en +zoo den langen lijdensweg vermijden, dien men vaak in andere landen +bewandelt, waar men, met primitief materiaal begonnen, slechts langzaam +en geleidelijk verbeteringen invoert en nieuw materiaal aanschaft. + +Rook- en dames-coupé's mist men hier, maar die zijn eigenlijk ook +overbodig; immers de dames rooken ook. + +Wat de reden is, dat wij gedurende onzen zesdaagschen tocht geen +enkele japansche dame in de 1ste klasse zagen, weet ik niet. + +De trein was vrij vol. Maar mij in een flauwe bocht opschietende, +kon ik toch heel goed slapen, wat ik dan ook bijna den geheelen nacht +deed. Tegenover mij zat een cavalerie-officier, die op een gegeven +oogenblik zijn gespoorde laarzen uittrok, zijn sabel afgespte en +toen als een kleermaker op de bank ging zitten. En wij vonden het +niet eens vreemd meer! + +We hadden dezelfde route als op de heenreis, passeerden midden in den +nacht Nagoya zonder wakker te worden en kregen, toen het licht werd, +af en toe een mooi gezicht op het Bima-meer, nabij Kyoto, dat wij +gaarne hadden bezocht. + +Gedurende het korte oponthoud te Kyoto maakten de japansche reizigers +hun toilet op het perron, waartoe een tiental kranen met bassins +gelegenheid gaven. Broederlijk stonden de passagiers der drie klassen +naast elkaar, wieschen gelaat en handen en poetsten hunne tanden. Wij +echter verkozen de toiletkamer in den trein boven deze openbaarheid. + +Weldra ging het weer verder, en het was niet zonder weemoed, dat ik +het einde der reis zag naderen, ofschoon toch vol dankbaarheid voor +al het genotene. + +Eene waarschuwing van mijn reisgenoot maakte een einde aan mijne +overpeinzingen; want daar roldonderde reeds de trein het station te +Kobe binnen, precies op tijd, 15 uren en 20 minuten na zijn vertrek +uit Tokyo, en een half uur later roeide een sampang ons aan boord, +alwaar de dienst mij onmiddellijk in beslag nam. + +Terwijl ik dit schrijf, ben ik reeds weder duizenden mijlen van Japan +verwijderd. Doch nogmaals doorleef ik in den geest die onvergetelijke +dagen in het Land der Rijzende Zon, en zie opnieuw dat merkwaardig +volk, waarvan Percival Lowell zegt: + +"De Japanner is verliefd op de Natuur, en het schijnt bijna alsof +Natuur zijn stil gebed hoorde en hem goedgunstig tegenlachte; alsof +het liefdelicht aan haar gelaat de verhoogde schoonheid verleende, +die het geeft aan dat der vrouw. + +"Want nergens ter wereld waarschijnlijk is zij beminnelijker dan in +Japan: een klimaat van lange, gelukkige gemiddelden en korte uitersten; +maanden van lente en maanden van herfst met slechts weinig weken van +winter er tusschen; een land van bloemen, waar de lotus en de kers, +de pruim en de wisteria welig groeien zij aan zij; een land, waar het +bamboe-gras den ahornboom omstrengelt, waar de pijnboom eindelijk zijn +palm gevonden heeft, en de tropische en gematigde zone hun scheidende +eenzelvigheid vergeten in een langen, zelfverloochenenden kus". + + + + + +AANTEEKENING + +[1] Spreek uit: Niko. + + +Reis naar de Nieuwe Hebriden en de Salomons-eilanden. + +Naar het Fransch van + +Dr. A. Hagen. + +Officier van Gezondheid. + + + +De ontwikkeling van de kolonisatie op het fransche eiland +Nieuw-Caledonië heeft er sinds lang den invoer noodzakelijk gemaakt +van vreemde arbeiders. De exploitatie der nikkelmijnen, de verbouw +van koffie, tabak en maïs dwingen den europeeschen kolonist, gebruik +te maken van werkkrachten uit Oceanië. + +De reeders uit Nouméa, de hoofdstad van Nieuw-Caledonië rustten dus +vaak schepen uit, die naar de Nieuwe Hebriden en de Salomonseilanden +gingen, om inboorlingen mee terug te brengen, voor zwaren arbeid +geschikt. Ongelukkig hadden er daarbij misbruiken plaats; er werd met +geweld opgetreden tegen weerspannige Kanaken, die niet gezind waren, +hun geboorteland te verlaten en het dolce far niente op te geven, +waaraan ze bij zich te huis waren gewend. + +Het werd noodig, orde te stellen op die handelingen van zoogenaamde +recruteering. Ik vervulde toen mijn kolonialen diensttijd op +Nieuw-Caledonië. De heer Pardon, gouverneur der kolonie, wilde mij +wel het toezicht op de genoemde emigratie toevertrouwen en benoemde +mij tot regeeringscommissaris aan boord van de _Lady Saint Aubyn_ +en de _Mary Anderson_. Zoo heb ik verschillende reizen door den +Stillen Oceaan gedaan en won daarbij allerlei inlichtingen in over +de verschillende eilanden, die samen vormen de eilandengroepen der +Nieuwe Hebriden en der Salomonseilanden. + +Den 4en April 1891 ging ik aan boord van de _Lady Saint Aubyn_, +een zeilschip van 150 ton. + +Wij vertrokken op een reis van vele maanden naar weinig bekende landen, +die zeer belangwekkend waren, en waarvan de bewoners nog boosaardige, +woeste menscheneters heetten, die een zekere beruchtheid hadden +gekregen door veel aanvallen op Europeanen. Maar dat zijn gevaren, +waaraan men pas gaat denken op den dag, als ze zich juist voordoen; +op het oogenblik van ons vertrek kenden we geen andere zorg dan de +richting van den wind, want ons scheepje was niet voor stoom ingericht +en onze grootste vijand was de tegenwind. + +Wat dreigementen van de inboorlingen betreft, daartegen waren wij +genoegzaam gewapend; de 200 geweren en 3000 patronen, die de _Lady +Saint Aubyn_ meevoerde, zouden ons in staat stellen, het antwoord +niet schuldig te blijven, als wij werden aangevallen, en ons leven +duur te verkoopen. + +Zoodra we uit de haven van Nouméa waren, voeren we vlug voorbij het +eilandje Porc-Epic, dat wel zijn naam van Stekelvarkeneiland verdient +om de vele pijnboomen, waarmee het bezet is en zetten onzen tocht voort +langs het Zuiden der westkust van Nieuw-Caledonië. Er was daar niet +veel plantengroei, en het aantal bewoners was gering sedert den opstand +van 1878; maar deze kust bezit veel minerale rijkdommen, want nikkel +en kobalt vindt men er in groote hoeveelheid, en van het dek van ons +schip konden wij sporen ontdekken van oude en van nieuwe ontginningen. + +Enkele inboorlingen voeren op zee rond, vroegen ons, waarheen wij +gingen en wenschten ons goede reis. Zij kwamen van het Pijneiland met +hun dubbele prauwen en waren op weg naar den zendingspost Saint-Louis, +waar ze de mis zouden hooren. Vroeger was altijd de piloe-piloe +met de gruwelijkste tooneelen van kannibalisme de reden van hunne +bijeenkomsten en gaf aan hun feesten zulk een woest en afgrijselijk +karakter. + +De beschaving heeft hun zeden verzacht; maar dat is gegaan ten +koste van het ras, dat meer en meer de neiging vertoont, om uit te +sterven. "Er zijn geen Kanaken meer," zei Pila, een groote, forsche +en intelligente inboorling. "Vóór de blanken hier kwamen, hadden +wij aardappelen en knollen in overvloed; nu worden wij van ons land +verjaagd, of men doodt ons door middel van sterken drank." + +Tegen zes uur 's avonds kwamen we in de Yré-baai. + +De richting van den wind liet niet toe, het kanaal over te steken en +in open zee te komen. Wij wierpen het anker in die baai uit, dichtbij +het eiland Wen. Het eiland ziet er zeer bijzonder uit, en in de verte +lijkt het, alsof het overal met den ploeg is bewerkt van boven tot +beneden, ja tot op den top der hoogste heuvels. Doch weldra ziet +men, dat niemand lust heeft gehad, daar te zaaien of te oogsten. De +prospectors, de goudzoekers, hebben er den grond zoo omgewoeld bij +hun zoeken naar nikkel in den bodem. Hoeveel slachtoffers heeft die +mijnkoorts al niet op hare rekening, en hoeveel maakt zij er nog +steeds, ook nu op Nieuw-Caledonië! + +Het schijnt trouwens wel, of het eiland niets anders bevat dan +steenen van chroom en kobalt; en men vraagt zich af, hoe de weinige +inboorlingen leven, die er heen zijn gedeporteerd ten gevolge van den +opstand van 1878. Gelukkig is de zee dichtbij, en de Kanaak is een +goed visscher, zoodat de uitstekende visch hem voldoende schadeloos +stelt voor 't gemis van knollen en aardappels. + +Op de ankerplaats aan de Yré-baai, toen niemand meer dacht aan de +ellende van de zeereis, hadden wij ruimschoots gelegenheid, met +elkander kennis te maken. Dus kan ik aan de lezers voorstellen, ten +eerste B., onzen kapitein, een ouden zeerot, die al twintig jaren +ongeveer in deze wateren vaart, een ervaren zeeman, maar een al te +trouw dienaar van Bacchus; ten tweede Mac D., een Engelschman van +iersche afkomst. Men kan zijns gelijke niet vinden in het winnen van +het vertrouwen der Kanaken; hij kan hun de mooiste voorspiegelingen +doen en hun 't heerlijkst leventje voorspellen, als ze naar Nouméa mee +willen gaan. Dat is het Beloofde Land, wordt hun gezegd, waar men nooit +werkt en altijd eet, wat voor een inboorling de hoogste zaligheid is. + +Ons verblijf op het eiland Wen duurde maar kort, en den volgenden +morgen zette de _Lady Saint Aubyn_ koers naar het Havannakanaal. Wij +passeerden de Zuiderbaai, waar in zoete rust en in de verzekerdheid +van een goede woning en goeden kost eenige honderden dwangarbeiders +leefden, voor wie de regeering op moederlijke wijze zorgt. Als +houthakkers werden zij aan het werk gezet bij het exploiteeren van de +bosschen aan de Pronybaai, en hun arbeid zou den nijd kunnen opwekken +van onze boeren uit de bosschen der Vogezen, wier leven zoo moeilijk +is, en wier arbeid zoo slecht wordt betaald. + +Toch zijn er eenige ontevredenen, en op het eiland Santa-Anna van +de groep der Salomonseilanden, zullen wij drie van hen ontmoeten, +die op deze afgelegen eilanden een schuilplaats zijn gaan zoeken, +om tegen dwangarbeid beveiligd te zijn en voor de straffen van de +bewakers. Zij hebben bij den ruil niet gewonnen. + +Tegen den middag waren wij buiten den gordel van riffen, +die Nieuw-Caledonië omgeeft. Nadat we het eiland Maré, een der +Logally-eilanden, hadden verkend, wendden wij den steven naar de +Nieuwe Hebriden, waarvan 300 mijlen ons scheidden. + +Twee dagen hadden wij noodig, om dien afstand af te leggen; vier +dagen na ons vertrek van Nouméa, lagen wij tegenover het eiland +Tanna. Het werd ons al in de verte gewezen om zijn vulkaan, welks +lichtend schijnsel wij wel 20 mijlen ver op zee konden waarnemen. + +Wij gingen aan wal op de oostkust van het eiland. Op eenigen afstand +gezien, bood het een zonderlingen aanblik aan. Rondom den vulkaan was +de grond dor, volkomen kaal; noch plant, noch gras, noch boom kon men +er bespeuren; maar op de noordelijke helft van het eiland groeide +een prachtige plantengroei; er werd van alles door de inboorlingen +verbouwd, en allerlei edele houtsoorten waren er in ruimen overvloed +te vinden. + +Onze eerste aanlegplaats moest Port Resolution zijn. Op den +vastgestelden tijd, tien uur 's morgens, ankerden wij bij den +ingang der haven; rotsen beletten ons, er binnen te varen, want +er was slechts een nauwe doorgang, bijna niet bruikbaar voor zeer +kleine vaartuigen. Dit was oudtijds de eenige haven van het eiland; +een schip vond er een veilige schuilplaats gedurende hevige stormen +of cyclonen, die in den archipel zoo veelvuldig voorkomen in de +maanden December, Januari en Februari. Maar in 1878 is ten gevolge +van hevige aardbevingen de zeebodem opgehoogd, en de diepte bedraagt +nu niet meer dan 1.5 à 2 M., terwijl er acht M. stond, toen Cook er +een eeuw ongeveer geleden kwam. Nu kwamen de inboorlingen, die ons +op grooten afstand hadden gezien, naar de _Lady Saint Aubyn_ toe, +om ons te waarschuwen tegen de gevaren, die elk schip bedreigen, +dat zou willen binnenvaren. + +Zoodra wij het anker hadden laten vallen, bracht een boot van het +schip ons naar den wal; wij konden zien, welke wijzigingen de vulkaan +achtereenvolgens aan de kust had teweeggebracht; een moerasje aan +den linkerkant der haven was plotseling droog geworden, en wij zagen +alleen de bedding; het had nu een zeer duidelijk in 't oog vallende +helling, en al het water was weggevloeid naar de zee. + +De inboorlingen, die in Port Resolution wonen, zijn ongeveer 300 +in aantal, zij stonden spoedig allen om ons heen en vroegen ons +zonder eenige schaamte of verlegenheid dadelijk om tabak en vooral +om patronen, daar zij in oorlog zijn met de naburige stammen. Maar +niemand van hen had lust, een verbintenis aan te gaan, ten einde +in Nouméa te werken. Zij waren trouwens reeds tot het Christendom +overgegaan en wel tot het protestantsche geloof, en de engelsche +zendeling, die hier resideerde, overreedde hen niet te emigreeren, +daar hij zijn kuddeke gaarne bijeen wilde houden. + +Die herder was afwezig bij mijn bezoek; hij bracht in Engeland een +zesmaandsch verlof door, dus kon ik aan zijn sierlijk woonhuis een +bezoek brengen, dat, aan de linkerzijde der haven op een kleinen heuvel +gelegen, groot en ruim van steen was opgetrokken en omringd was met een +veranda en een grooten tuin, door de schaapjes van de kudde in orde +gehouden. Van binnen was het huis deftig en geriefelijk gemeubeld, +en ik vond er een welvoorziene bibliotheek, die den leeraar zeker +in staat stelde, op amusante wijze zijn vrijen tijd te besteden. In +het kort, de installatie liet niets te wenschen over, en ik kon niet +laten, vergelijkingen te maken tusschen deze inrichting en die van +onze fransche zendelingen, die in inboorlingenhutten wonen en wien +het vaak hun prestige kost, dat zij hetzelfde leven moeten leiden +als de inboorlingen. + +Wij trokken door het Kanakendorp, dat aan den oever lag en wij konden +er kennis maken met de zeden en gewoonten der bewoners. Bij onze +aankomst lag een van hen op den grond en had zijn hoofd op een klein +houten bankje gelegd; hij liet zich het haar vlechten door een anderen +inboorling in kleine vlechtjes, die in den nek neerhingen. Dit is een +bewerking, die een groote rol speelt in het leven van een inwoner van +Tanna; het duurt een eindeloozen tijd en vereischt een geduld, als +wij in ons oud Europa alleen aantreffen bij de zeer elegante dames, +die zich zoo mooi mogelijk wenschen te maken voor een bal. + +Die wilden besteden niet dezelfde zorg aan de bereiding van hun +voedsel. Toen ik er was, zag ik hen op heetgemaakte steenen een +grooten, achtarmigen zeepoliep braden; maar zonder te wachten, tot hij +gaar was geworden, nam één van hen het dier en zette er zijn tanden in, +terwijl een ander er ook naar greep, om zijn deel te krijgen; op een +gegeven oogenblik scheurden de vijf om het vuur gezeten inboorlingen +elkaâr het dier uit de handen en hapten er allen tegelijk in, als +honden, die vechten om een been. + +Zij eten ook aardknollen en bananen, en ik zag herhaaldelijk vrouwen, +met die vruchten beladen, zich begeven naar den rechtschen kant der +baai, ze laten de knollen namelijk gaar worden in de heetwaterbronnen, +die er in menigte in het naburig gebergte worden aangetroffen, op welks +top zich de krater bevindt. Die berg vertoont overal veel spleten, +waardoor golven van stoom ontsnappen, gemengd met zwaveldampen. Men +moet zeer voorzichtig zijn bij de bestijging; elk oogenblik loopt men +gevaar te struikelen en in een dier spleten te vallen in onberekenbare +diepte. + +Wij gingen met een boot naar de Zwavelbaai, eenige mijlen van onze +ankerplaats verwijderd en zoo genoemd naar de groote hoeveelheid +zwavel, die men er vindt, en die eenige jaren geleden geleid heeft +tot een poging ter ontginning van die terreinen. De baai is gewoonlijk +uitgangspunt van de excursionnisten, die den vulkaan willen bestijgen, +maar de herhaalde aanvallen van de inboorlingen dringen de toeristen, +een talrijk gewapend geleide mee te nemen. + +Het was ons niet mogelijk, voor den tocht tijd te vinden en wij +stelden ons ermee tevreden, den vulkaan van het dek van ons schip te +bewonderen. Op de ankerplaats van Port Resolution gevoelden wij zonder +ophouden de schokken door de beving van de zeebedding aan ons anker +meegedeeld of liever aan zijn ketting, en gedurende de vaart van Port +Resolution naar Wassissi, die wij in één nacht volbrachten, konden we +het schitterende licht waarnemen, dat uit den vulkaan uitstraalde en +vele mijlen ver zichtbaar was. Ik genoot van een verheven schouwspel, +toen ik eenige uren leunende tegen de verschansing, enorme steenen zag +uitwerpen, die verscheiden honderden meters hoog werden opgeworpen, +terwijl de gesmolten lava in stroomen langs de helling van den berg +vloeide. Ik kreeg nog vrij wat stof over van het door den vulkaan +uitgeworpen gesteente, en fijne stofdeeltjes drongen zelfs tot in de +scheepshut door. + +Wij legden te Wassissi aan in de diepte van een kleine, goed tegen +den zuidoostenwind beschutte baai; twee honderd-vijftig inboorlingen +wonen op deze plaats en leven geheel in wilden toestand. Ofschoon er +zich een engelsche zendeling heeft gevestigd, blijven de inboorlingen +weerspannig tegen zijn leer en nemen zijn raadgevingen niet aan. Van +eenige beschaving is er bij hen nog geen sprake; daarvan is nog +niets tot hen doorgedrongen; men bespeurt dat dadelijk, als men hun +rudimentaire kleeding ziet, zooals zij naar de heerschende mode daar +wordt gedragen. De mannen zijn zoo goed als geheel naakt. De vrouwen +hebben enkel een gordel van pandanusbladeren, die om de lenden is +geslagen bij de vrouwen, die moeders zijn, en de heupen onbedekt laat +bij maagdelijke vrouwen. + +Deze inboorlingen, die flink van bouw en zeer sterk zijn, zouden goede +modellen zijn voor een beeldhouwer, sierlijkheid van vormen op prijs +stellend en plastische schoonheid waardeerend. Men ziet zeer zelden +zieken, en lepralijders, zooals er op deze eilanden zooveel voorkomen, +treft men bij hen bijna niet aan; allen zijn ze gespierd en lenig. + +Ons verblijf viel samen met den bananenoogst; deze is een voorwendsel +voor openbare feestelijkheden. Wij vonden hier een mast om in te +klimmen, behangen met geschenken, juist als bij nationale feesten in +Europa. Men kiest daarvoor een vrij hoogen boom, aan welks takken +op verschillende hoogten trossen bananen zijn opgehangen. Ieder +inboorling moet tot den top erin klimmen en mag behouden, wat hij +mee weet te nemen. + +Ook voor het dansen bieden die feesten eene gelegenheid. Ik kon +tegenwoordig zijn bij de dansen, waarin de schoone sekse in Tanna +zooveel behagen schept. Alle leeftijden nemen er aan deel, van het +kleine kind af, dat nog op de heupen der moeder wordt gedragen, tot het +tandelooze oudje, dat zich zóó de genoegens harer jeugd herinnert. De +dames dragen lappen van alle mogelijke kleuren en vormen een kring, +waarbij bij beurten een vrouw zich afzondert. Zij heft een lied aan, +en de andere danseressen antwoorden, nu eens op haar toe tredend, +dan met sierlijke bewegingen achteruit wijkend. Zoo doen zij een +muziek hooren, die ver van harmonieus is, en waar iemand, die ze voor +'t eerst hoort, bijna doof van zou worden. + +Ik bleef niet lang in het gezelschap van die nieuw-hebridische +schoonheden, en ik begaf mij naar het strand der zee langs een +voetpad, dat door de aanplantingen van den stam leidde. De velden +waren goed onderhouden; er was geen onkruid te zien, en ze waren +door rijen opgehoopte steenen beveiligd tegen de invallen van +wilde varkens. Midden in het veld vond ik een kleine hoogte, waar +voedingsmiddelen op waren neergelegd, aardappels, knollen, bananen +en visschen. Mijn gids vertelde mij, dat die voorraad bestemd was +voor de godin Teapolo, die den landbouw beschermde. Elke inboorling +zorgt, dat zij hem gunstig is gezind, niet door te bidden, maar door +haar geschenken aan te bieden, dan is hij er van verzekerd, dat zijn +oogst goed zal zijn. + +Op het strand aangekomen, ging ik voorbij een klein huis, waarin +ik mannen op matten zag liggen; hun heftig schitterende oogen en +karakteristiek dronkemansuiterlijk deden mij zien, dat zij te veel +hadden genoten van het brouwsel, dat de inboorlingen vervaardigen, +de kawa. Elken avond tegen vier uur moet een jongen van ongeveer +vijftien jaren de wortels van die plant kauwen; hij spuwt het sap +uit in een daarvoor bestemden bak, waar hij het laat gisten. Dat is +de inlandsche drank; ieder dorpeling, die den mannelijken leeftijd +heeft bereikt, mag uit den voorraad drinken en hij heeft het recht, +om in het gemeenschappelijke huis de gevolgen te laten voorbijgaan +van dien sterk bedwelmenden drank, die op de Zuidzee-eilanden zoo +algemeen wordt gedronken. Om de kawa klaar te maken, kiezen ze bij +voorkeur een knaap, wiens gebit volmaakt in orde is; en ik heb hen +een allernauwkeurigst onderzoek zien instellen naar zijn kaken, +om te zien, of geen zijner tanden was aangestoken. + +Te Wassissi heb ik voor de eerste maal gebruik moeten maken van het +gezag, dat mij mijn functie als commissaris der regeering verschafte, +om het nieuwe reglement, betreffende de emigratie, tot uitvoering te +brengen. Ziehier, in welke omstandigheden. De super-cargo van ons schip +had twee vrouwen gerecruteerd. Maar pas was ik aan boord teruggekeerd, +of een Kanaak kwam een van haar, Yamé genaamd, opeischen. Hij beweerde, +dat zij zijn vrouw was, en dat hij haar niet mee wilde laten gaan +naar Nouméa, terwijl hij aanbood, den prijs voor haar ontvangen, terug +te betalen. Ik ondervroeg Yamé, die mij antwoordde, dat die man haar +echtgenoot niet was; zij weigerde categorisch weer aan wal te gaan. + +Ondanks de smeekingen van den Kanaak en de tranen, die hij in massa +stortte, ondanks de ontroering, die den man overweldigde, bleef Yamé +onverbiddelijk en hield hare ontkenning vol. Toch vertrouwde ik haar +woorden niet recht en ging informeeren bij de andere Kanaken. Zij +vertelden mij, dat zij wèl zijn vrouw was, en dat zij zijn toestemming, +om te mogen vertrekken, niet had gevraagd. Ik heb toen haar engagement +moeten schrappen en moest haar teruggeven aan haar heer en meester. Ik +vrees zeer, dat de ontvangen stokslagen haar niet zullen hebben +genezen van haar zucht naar vrijheid en onafhankelijkheid. Maar de +meest elementaire voorzichtigheid eischte, dat die vrouw aan haren +man werd teruggegeven; maar al te dikwijls hebben de aanvallen +op Europeanen tot oorzaak gehad een roof van weggevoerde Kanaken, +zonder toestemming van den stam ontvoerd; onze opvolgers aan deze +kusten zouden aan weerwraak hebben blootgestaan, en ons gedrag zou +die dan hebben uitgelokt. + +Na Wassissi te hebben verlaten, voeren wij langs de noordelijke helft +der oostkust van Tanna en om kaap Lamtahim heen, die bewoond werd +door een onrustigen stam; wij hadden het voornemen, op de westkust +het anker te laten vallen bij Sangalli. De invloed van den vulkaan +is in dit deel van het eiland minder merkbaar; men bespeurt nog in +de verte de wolk van rook, die Tanna steeds bedekt houdt en in niet +onbelangrijke mate de meteorologische toestanden er wijzigt; alle +voorspellingen der zeelui omtrent het te verwachten weder brengt die +rook in de war. Maar het stof, dat uit de opening naar buiten komt, +vliegt niet tot deze plek en verbrandt er de planten niet, terwijl +de plantengroei er inderdaad vrij weelderig is en den top der heuvels +zelfs bedekt. + +Aan deze kust waren niet veel menschen; men moet tot aan het Zwarte +Strand gaan op de westkust, om eenigszins belangrijke volksstammen +te ontmoeten. Ik ging hier aan wal op den oever van een rivier, waar +zoet water in overvloed te krijgen was; de gelegenheid was gunstig, om +een uitstapje in het binnenland te doen. Een kronkelend pad volgend, +dat door den regen van de voorafgaande dagen glibberig was geworden, +ging ik door een dicht bosch, waar geen zonnestraal doordrong; de grond +was er zeer vruchtbaar en humus was er in een laag van aanmerkelijke +diepte afgezet. In een meer of minder ver verwijderde toekomst zal +dit plekje een geschikt punt van uitgang zijn voor een proef met +een landbouwkolonie; de uitstekende ankerplaats, de betrekkelijke +gezondheid van de plaats, het goede rivierwater, dat men er heeft, +en eindelijk de rijkdom van het land, al die omstandigheden zijn bij +uitstek gunstig voor het welslagen van een europeesche kolonie. + +Weldra naderden wij Sangalli, waar wij eenige dagen dachten te +blijven. De ankerplaats was er niet uitstekend; van het dek van ons +schip konden wij de overblijfselen zien van de engelsche stoomboot +_Fijian_, die in 1887 schipbreuk heeft geleden; de passagiers hebben +zich kunnen redden, maar het schip was geheel verloren en de lading +werd door de inboorlingen geplunderd. Onze reeder verschaft zich er +tegen lage prijzen voorwerpen van europeesch maaksel, als messen, +couverts, groote en kleine lantaarns en allerlei levensmiddelen. + +Zoodra de _Lady Saint Aubyn_ het anker had uitgeworpen, zagen wij het +hoofd Gemmy aankomen, wel bekend bij de kooplieden. Met een in flarden +gescheurd hemd aan, zonder broek, met een pijp in den mond en op het +hoofd een gibus, stapte hij aan boord, om ons zijn diensten aan te +bieden tegen betaling. Het gezicht van een flesch jenever bracht een +glimlach op zijn dikke lippen, en 't ontvangen van een geweer zette +zijn blijdschap de kroon op. + +Wij hebben ons over zijn gedrag niet te beklagen gehad, en uit zijn +stam konden wij enkele arbeiders tot meegaan bewegen. Maar hij had +zich ons verblijf ten nutte weten te maken, en de herinnering aan +onze goedgeefschheid zal lang levendig bij hem blijven. Zoolang wij +daar bleven, werd hij aan onze tafel toegelaten, en hij trok er de +aandacht, zoo niet door uitgezochte zindelijkheid, dan toch door +een onverzadelijken eetlust en onleschbaren dorst. Hij zag ons met +leedwezen vertrekken en gaf ons zelfs de plechtige belofte, schitterend +wraak te zullen nemen op een van zijn buren, een aanzienlijk hoofd, +Maki geheeten, wiens onverwachte aanval ons haastig tot vertrek had +doen besluiten. + +Ziehier, wat er gebeurd was. In den namiddag tegen 4 uur, terwijl +een onzer walvischsloepen bezig was te recruteeren op de zuidwestkust +van het eiland Tanna beneden Sangalli, had de andere sloep zich naar +de noordwestkust begeven. Deze laatste was aan land gegaan juist op +de plek, waar de _Fijian_ schipbreuk had geleden. Plotseling werden +verscheiden geweerschoten gelost door de inboorlingen op het strand; +een matroos kreeg een kogel in het linkerbeen, zoodat hij drie dagen +later aan tetanus stierf. De boot keerde dadelijk naar boord terug, na +eenige geweerschoten te hebben gewisseld met de aanvallers. Ik stelde +een onderzoek in. Het hoofd van den vijandelijken stam beweerde, +dat een vrouw uit zijn dorp was gevlucht en zich op ons schip had +verborgen. Hij was in den morgen er geweest, om haar te zoeken, en +toen hij haar niet had kunnen vinden, vertrok hij in de overtuiging, +dat wij haar hadden verborgen. + +Hij was weer naar den wal gegaan en had ons aangevallen, om zich +te wreken over een roof, dien wij niet hadden gepleegd. Overigens +werd deze kust altijd als hoogst gevaarlijk aangewezen; de _Nouméa_, +de _Télégraphe_ en nog een schip uit Queensland hadden herhaaldelijk +zich over de inboorlingen te beklagen. + +Bij zulk een reis ter afsluiting van huurcontracten met inboorlingen +is het voorzichtig, zoo gauw mogelijk te vertrekken, als dergelijke +gevallen zich voordoen, want dat zijn slechte voorteekenen. Het +schijnt, dat er dan dadelijk een teeken wordt gegeven, dat het geheele +eiland over wordt verstaan en dat het consigne blijkt, om alle verkeer +tusschen de vreemdelingen en den vasten wal te breken. + +Wij maakten ons dadelijk zeilklaar en verlieten Tanna, na even Kwamera +te hebben aangedaan in het Zuiden van het eiland. De inboorlingen +zijn er rustig, en zijn bekeerd tot het protestantisme. Zij doen +aan landbouw, dus konden wij er allerlei voorraad opdoen, oranjes en +bananen, suikerriet en knollen. + +Wij wendden ons naar het eiland Erromango, dat 35 mijlen ongeveer +van Tanna was verwijderd. Een krachtige zuidoostenwind bracht ons +weldra in het gezicht der westkust, en om elf uur 's avonds voeren +wij de Cooksbaai binnen, na om de Verraderskaap te zijn heengezeild, +zoo genoemd door den beroemden engelschen zeevaarder, die er door de +inboorlingen werd aangevallen. Wij bleven den geheelen nacht onder +zeil; de baai is zeer weinig beschut en men kan er dus enkel bij +windstilte landen, terwijl men ieder oogenblik gereed moet zijn, +weer zee te kiezen. + +Om zeven uur 's morgens zette een boot ons in de buurt van het dorp +aan land; die kust is nog al bevolkt en wij merkten drie stammen op, +aan de baai gevestigd. Eertijds waren de bewoners zeer gevaarlijk en +zonder op te klimmen tot den aanval, waaraan Cook indertijd blootstond, +zou ik kunnen herinneren aan den zendeling Gordon, die er in 1869 +gedood werd met knotsslagen, en nog korter geleden aan de bemanning +van een engelsch schip, die er in 1875 vermoord en opgegeten werd. + +Bij ons bezoek liepen vreemdelingen niet meer zooveel gevaar; +de invloed van den zendeling, aan de oostkust gevestigd in de +Dillonbaai, heeft zich tot hier doen gevoelen; hij heeft in de dorpen +enkele scholen gesticht, en de onderwijzers brengen den inboorlingen +beschavingsdenkbeelden bij. Wij kunnen dus onbevreesd aan land gaan +en met hen betrekkingen aanknoopen. + +Wij kwamen op een Zondag in de Cooksbaai; de inboorlingen, al half +bekeerd, hadden hun mooiste kleederen aangetrokken; mannen en vrouwen +hadden de nationale kleeding, bestaande uit een lapje of gordel van +pandanenbladeren, vaarwel gezegd. Nu dragen beide seksen hemden en +broeken, en de jonge dames van Erromango zijn hoogelijk ingenomen met +gekleurde jurken, hoeden met veêren en zelfs met het corset. Ik geloof, +dat de winkels van Nouméa hier al hun overtolligheden slijten. Zoo dan +al het schaamtegevoel bij deze transformatie der zeden heeft gewonnen, +in schilderachtigheid zijn die menschen er niet op vooruitgegaan. De +originaliteit dezer eilanden gaat langzamerhand te niet, en weldra +zal de beschaving den eigenaardigen stempel hebben doen verdwijnen, +die hen nog onder de aandacht deed vallen. + +Onze werving had er niet veel succes; een enkele inboorling wilde +meegaan naar Nouméa; maar hij vroeg, of het schip voor anker wilde +blijven liggen, want hij kon geen contract sluiten op Zondag; hij +mocht geen betaling aannemen op een dag, die geheel en al moet zijn +gewijd aan overdenking en godsdienstoefening. + +Weldra verlieten wij deze streken, die reeds al te beschaafd waren, +en in de richting van de Dillonbaai varend, volgden wij de noordkust +van het eiland en een gedeelte van de westkust. + +Erromango zag er meer begroeid uit dan Tanna, het eiland is boschrijker +en niet zoo vulkanisch en bergachtig als het andere, er zijn wel +enkele heuvels in het binnenland; maar men heeft er ook vlakten waar +aan veeteelt zou kunnen worden gedaan. Daarbij is het eiland goed +besproeid, en de kust is gemakkelijk toegankelijk. + +Als men bij de Dillonbaai komt, ontdekt men aan den oever der rivier +de prachtige installatie van den protestantschen zendeling R., die +sedert 1872 op het eiland woont; in de buurt is een kerk gebouwd, waar +men op een houten bord kan lezen, welke feiten Engelands aandacht op +dit eiland hebben gevestigd en het zoo bekend hebben gemaakt. Sedert +1839 zijn vijf anglicaansche zendelingen gedood door inboorlingen +uit Erromango. + +Langen tijd ging dit eiland door voor het gevaarlijkste van +de groep der Nieuwe Hebriden. De Kanaken werden voorgesteld +als de bloeddorstigste en gevaarlijkste wilden uit den geheelen +archipel. Vijftig jaren geleden ongeveer kwamen op Erromango veel +Europeanen; in de Dillonbaai kan men nog de overblijfselen vinden +van eene belangrijke vestiging, bestemd voor de exploitatie van +sandelhoutaanplantingen. Die werkte er van 1855 tot 1864, en van dien +tijd dagteekent de vijandige gezindheid, bij de bewoners opgemerkt, +waardoor niet alleen onder de zendelingen, maar ook onder de toevallig +aankomende zeevaarders zooveel slachtoffers zijn gemaakt. + +Inderdaad werpen de handelingen, door de houtinzamelaars volbracht, +om arbeiders te krijgen, hun blijkbaar kwade trouw bij het sluiten +van handelsovereenkomsten, de moord op veel inboorlingen voldoende +licht op de daden van geweld, door de inboorlingen begaan, en op de +weerwraak, door hen genomen op onschuldigen, met hun leven boetend +voor de misdaden van anderen. + +Aan boord van ons schip luisterde ik naar de mededeelingen van +onzen werver F., die vroeger ambtenaar was in een exploitatiezaak van +sandelhout, en hij zei tot mij: "Als dit eiland Erromango spreken kon, +zou het dingen kunnen vertellen, die iemand de haren zouden doen te +berge rijzen". + +Het scheen mij toe, dat de bevolking er minder dicht was dan op +Tanna; volgens ter plaatse ingewonnen inlichtingen heeft men er +ongeveer 2500 inwoners, waarvan 1200 tot het Christendom bekeerd +zijn en 1300 nog heidenen zouden wezen. Maar de vorderingen, die +de zendeling R. maakt, zijn niet weg te cijferen, en langzamerhand +dringt zijn invloed door tot in de afgelegenste gedeelten van het +eiland. Zoo heeft hij drie-en-dertig kleine zendingsposten in 't +leven kunnen roepen, geleid door een dergelijk aantal vermaners, +en toen ik er was, had hij reeds 150 kinderen gedoopt. + +Ik hoop, dat deze pogingen tot het maken van proselieten volkomen +slagen; zij zullen mogelijk de ontvolking van het eiland tegengaan, +waar sinds dertig jaren het aantal bewoners van 3000 tot 2000 is +gedaald. Ik heb kunnen waarnemen, dat de inboorlingen van Erromango +minder forsch zijn dan die uit Tanna. Hun gestalte is kleiner, hun +kleur donkerder; ze zijn magerder en hebben een minder gezond gestel +dan hun buren; de wapens, die zij gebruiken, als bogen en pijlen en +knotsen, zijn kleiner en geheel in overeenstemming met den tengerder +lichaamsbouw, die bij alle bewoners valt op te merken. + +Uit het oogpunt van het intellect, komt dit ras mij het minst +ontwikkeld voor van die, welke ik nog in den archipel heb ontmoet. De +inboorlingen beoefenen in 't geheel geen industrie, en hun verstand +is niet ontwikkeld. Men bemerkt, dat zij den invloed niet hebben +ondervonden van de Polynesiërs, die op de andere eilanden de +autochthone bevolking hebben opgeheven, haar nieuw bloed hebben +bijgebracht en haar in alle opzichten hebben vooruitgeholpen. De Kanaak +uit Erromango is nog de zuivere Negrito of wel de Papoea, die nog in +niets is veranderd, die vrij gebleven is van elken vreemden invloed +en een der laagst staande rassen vormt van de groote menschenfamilie. + +De gezondheid van 't klimaat op het eiland is verschillend op de oost- +en de westkust; de Cooksbaai lijkt gezond en wel geschikt voor eene +europeesche vestiging; maar daarentegen hebben mijn tochten in en om +de Dillonbaai mij overtuigd van de ongunstige ligging dier plaats. Het +dal is vruchtbaar, en de rivier brengt zoet water aan in overvloed, +maar miasmen worden ontwikkeld op de moerassige oevers der rivier, en +de baai ligt te zeer beschut voor de heerschende zuidoostenwinden. Het +verbaasde mij niet, dat de heer R. en zijn gezin ziek waren tijdens ons +bezoek en zich genoodzaakt hadden gezien, tot herstel van gezondheid +de australische koloniën op te zoeken. + +Van Erromango voeren wij naar het Noordwesten en stevenden naar het +eiland Vaté of Sandwich, waarvan wij ongeveer 70 mijlen verwijderd +waren. Het deed mij genoegen, dit eiland nogmaals aan te doen; +vier jaren geleden was ik er een half jaar gestationneerd geweest +met nog een luitenant en vijftig soldaten. Dat was in den tijd, +toen Frankrijk den archipel in bezit had genomen en posten had +gevestigd te Vaté en te Mallicolo. Maar het verzet van Engeland en +van de presbyteriaansche zendelingen leidden tot de ontruiming van +het land door onze troepen, en ik had met leedwezen moeten aanzien, +hoe onze driekleur er was verdwenen. + +Twee dagen, nadat wij Erromango hadden verlaten, verkenden wij het +Sandwicheiland. Cook beschouwde het als de parel van de groep der +Nieuwe Hebriden en het verdient dien naam, terwijl de beschrijving, +die hij ervan geeft, zich niet aan overdrijving schuldig maakt. Dit is +het voor den landbouw 't best geschikte eiland; men vindt er breede, +goed besproeide dalen, waar de grond verrassend rijk en vruchtbaar +is; de heuvels dragen niet veel bosschen, maar er zijn weidenrijke +plateaux, en op veel plaatsen wacht de grond er maar op, in cultuur +te worden gebracht, om de overvloedigste oogsten te leveren. De +kolonist behoeft hier geen voorbereidenden arbeid te doen, hij vindt +een ontgonnen terrein en dadelijk na zijn aankomst kan hij er maïs +en koffie gaan planten. De noordwestkust is rijk aan zeer goede, +veilige havens; alleen voor de oostkust ligt een gevaarlijke klip, +maar die is best te vermijden. + +Wij voeren de Pangobaai binnen en zouden bij Port Vila voor anker gaan, +een haven, zoo ruim, dat er wel een vloot in geborgen kon worden. Het +is 't belangrijkste punt van de groep der Nieuwe Hebriden, bestemd +voor eene groote toekomst, en nu reeds neemt het een eerste plaats in, +wat handel en landbouw betreft. + +Port-Vila is dan ook de hoofdstad der Nieuwe-Hebriden, centrum van +de kleine, fransche kolonie, die de natuurlijke schatten van den +grond exploiteert en deze eilanden, die zoo rijk en productief zijn, +voor Frankrijk wil trachten te winnen. De naam Franceville, die der +plaats ook wel wordt gegeven, herinnert aan het moederland en aan de +gevoelens, die onze landgenooten koesteren voor Frankrijk, waarvan +zij door 6000 à 7000 mijlen land en zee gescheiden zijn. + +Ondanks hunne grootere getalsterkte zijn de inboorlingen als verloren +onder de blanken, die Port-Vila bewonen; zij zijn voor 't grootste +deel verwezen naar de twee eilanden Vila en Mélé, die wij tijdens +ons verblijf alhier nog willen bezoeken. + +Vijftig Europeanen ongeveer wonen te Franceville; zij behooren +tot verschillende nationaliteiten; men ziet er Franschen, Zweden, +Engelschen, Noren, Amerikanen en Duitschers. Allen doen aan landbouw +en drijven handel. + +Ons eerste bezoek gold den agent van de _Compagnie Calédonienne_, +die te Anabroe woont. Die maatschappij, in 1882 opgericht, heeft veel +grondgebied verworven in den Archipel; zij heeft kantoren ingesteld +op de verschillende eilanden en houdt zich ernstig bezig met het +stichten van landbouwkoloniën. + +De vertegenwoordiger van de maatschappij, de heer A., stelde +vriendelijk een paard te mijner beschikking, en zoo kon ik een prettig +wandelritje doen door de aanplantingen; er gingen verscheiden uren met +een rit over de plantages heen. Tegenwoordig zijn reeds 30000 H.A. in +cultuur; 120000 koffieboomen geven een jaarlijksche opbrengst van +40 tonnen en 1000 kokospalmen zullen het volgend jaar voor 't eerst +vruchten leveren. + +Het was een waar genoegen, het binnenland van Vaté of het +Sandwich-eiland in te gaan, dat vroeger geheel aan de inboorlingen +was overgelaten en nu bijna uitsluitend door Europeanen is bezet, +die de natuurlijke hulpbronnen er exploiteeren; daar zijn er onder +hen, die zich met geduld en volharding een zoo niet schitterende, +dan toch zeer dragelijke positie hebben veroverd. + +Zoo kwamen wij te Freshwater, reden door bananenaanplantingen, +die zeer winstgevend zullen zijn, zoodra de kolonisten de vruchten +ter markt zullen kunnen brengen te Sydney en te Melbourne en dus +met voordeel zullen kunnen wedijveren met de voortbrengers op de +Fidsji-eilanden. Na de Freshwaterrivier te zijn overgegaan, bereikten +wij het dorp Tagabé, door onze landgenooten bewoond. Zes jaren geleden +ongeveer liet een fransche kolonisatie-maatschappij naar Port-Vila +een groep kolonisten uitgaan, die lust hadden in landverhuizing en +die elders eens hun fortuin wilden beproeven. Sommigen werden al +gauw ontmoedigd en keerden naar het moederland terug; anderen, die +zich niet lieten afschrikken door tegenspoed en inspanning, bleven en +hebben ten laatste het welvarende dorp gesticht, dat er nu is verrezen. + +Elk van hen heeft een kleine bezitting, waarop hij een huisje heeft +gebouwd met bijgebouwtjes voor varkens en kippen; enkele woningen +waren artistiek versierd; er was een engelsche tuin aangelegd met +nette paden, grasvelden en keur van bloemperken. + +Allen leefden van de opbrengst van hun land; hun koffieaanplantingen, +en de bouw van bananen en maïs leverden hun een welstand, die hun +in Frankrijk niet zou zijn te beurt gevallen; hun bestaan is vrij en +onafhankelijk en kent geen dwang van conventie of mode, waardoor in +Europa zooveel individueel initiatief wordt tegengehouden. + +Ik kwam te Franceville terug en begaf mij naar de woning van den +ouden maire dier plaats, den heer C. De blanken te Port-Vila vormen +inderdaad een afzonderlijke groep, met een burgemeester en verdere +ambtenaren, die de aangelegenheden van openbaar belang behartigen; de +quaesties omtrent de wegen, de reiniging, de haven worden bestudeerd, +en binnen korten tijd zal men goede rijwegen te Port-Vila hebben, +leidend naar andere centra van kolonisatie. + +Er is zelfs sprake van, een weg te leggen naar den anderen kant +van het eiland, naar Port-Havannah, en het zal een weg zijn voor +allerlei vervoermiddelen geschikt. Zoo vertelt mij de heer C., dien +ik reeds had leeren kennen op een vorige reis. Hij noodigde mij uit, +zijn bezitting te gaan zien, die in de laatste jaren aanmerkelijk was +vergroot, en stelde mij voor, den volgenden dag met hem een uitstapje +naar het inlandsche dorp Mélé te maken. Ik nam het aanbod gretig aan, +was precies op tijd op de afgesproken plaats, namelijk om zes uur +'s morgens voor den winkel van de Maatschappij der Nieuwe-Hebriden. + +Wij deden den tocht te paard. Port-Vila is het eenige punt op de +Hebriden, waar men van die beweegkracht gebruik kan maken; er zijn +sinds eenige jaren paarden ingevoerd van het eiland Norfolk. Zij +bewijzen er groote diensten, want nu kunnen de kolonisten te paard +hunne uitgebreide plantages bezoeken. Bij 't verlaten van Port-Vila +kwamen wij in een bosch, waarvan de dichte boomen den mooien weg, die +naar het dorp Mélé leidde, heerlijk tegen de brandende zonnestralen +beschutten. + +Na een half uur verlieten wij het bosch en kwamen uit vlak +bij de Pangobaai, waar rustig ons schip, de _Lady Saint Aubyn_ +lag. Wij volgden het strand, en na nog een paar plantages te hebben +bezichtigd van zweedsche families, die er reeds vijf-en-twintig jaren +woonden, kwamen we bij een open ruimte, waar vijf- of zeshonderd +inboorlingen schreeuwden en gesticuleerden en zich aan allerlei +lichaamsverdraaiingen te buiten gingen. + +Dat waren de bewoners van het dorp Mélé, die door hun dansen den +aardknollenoogst vierden. In rood en in wit katoen gekleed, met +veêren in het haar en een rood en zwart beschilderd gezicht, ieder +met een knots en een paar messen gewapend, stonden ze in vier of vijf +gelederen en kwamen al zingend naar voren, met de voeten trappend op +de maat van inlandsche trommels. + +Hun muziekinstrumenten zijn allermerkwaardigst; 't zijn holle +boomstronken, vastgezet in den grond, met gaten er in geboord, +die onderling verbonden zijn door verticale spleten; van boven zijn +ze versierd met allerlei snijwerk, dat een voorstelling geeft van +vogels en andere dieren, schepen enz. Door op die trommels te slaan +met stevige stokken, weten ze vrij afwisselende geluiden in de maat +voort te brengen. + +Die dansen en die muziek zijn zeer gewild bij de inboorlingen der +Nieuwe-Hebriden; bij elken stam zijn er, evenals in onze fransche +dorpen, enkele jongelui, die den boel aan den gang maken en de feesten +geanimeerd houden; zij zijn ongevoelig voor vermoeienis en warmte, +en altijd gereed, om opnieuw te beginnen. + +Alleen over dag houden zij zich met die genoegens bezig, en een uur na +onze aankomst hielden de dansen op en de inboorlingen keerden naar hun +hutten terug. De dansen werden telkens aangemoedigd door grijsaards, +die op den grond zaten en nu en dan opstonden, om de vermoeiden te +laten drinken en de drukst dansenden te complimenteeren. + +Zij, die op het eiland Mélé zich met die dansen bezighielden, woonden +niet op het hoofdeiland maar op een klein dor eilandje in de baai, waar +bijna geen water en geen groen te vinden waren. Daar vertoeven zij en +gaan alleen aan wal, om hun velden te bebouwen. Wat zou de oorsprong +van dit gebruik zijn? Waarom hebben zij zich afgezonderd? Ik zou het +niet kunnen zeggen, en ik denk, dat zij in vroeger tijden in strijd +zijn geraakt met de naburige stammen en dat ze zich op het eilandje +moesten verschuilen voor de aanvallen van hunne tegenstanders. + +Wij volgden hen, en door een bootje overgebracht, gingen we bij hun +woningen aan wal. De bevolking van het eiland Mélé schijnt nog niet +spoedig te zullen uitsterven; wij werden omringd door kinderen van +elken leeftijd, jongens en meisjes, die elkander duwden en stieten, +om ons beter te zien. De kleine kinderen waren geheel naakt en +betrekkelijk vrij zindelijk, als wij ze vergeleken met de bewoners +van Tanna en vooral van Erromango. Overigens verschilt dit ras van +dat der andere eilanden, zoodat ik er wel toe geneigd ben, voor +waar aan te nemen de traditie, die wil, dat Mélé bevolkt is geworden +tachtig jaren geleden door een schip, dat van Nieuw-Zeeland kwam en +schipbreuk leed in de Pangobaai. Hun physieke eigenschappen, hun taal +en ook hun gewoonten herinneren sterk aan die der Polynesiërs. + +Wij verlieten die eilandbewoners en kwamen op het groote eiland terug, +waar wij onze paarden terugvonden, rustig grazend onder de hoede van +een paar Kanaken. Een vlugge galop bracht ons in anderhalf uur naar +Franceville terug. + +Zoodra ik aan boord was, maakte ons schip zich voor het vertrek gereed, +nadat wij afscheid hadden genomen van de beminnelijke kolonisten van +Port-Vila, en de _Lady Saint Aubyn_ zette koers naar Port-Havannah, +de belangrijkste plaats van het eiland Vaté na Port-Vila. Wij zeilden +met moeite om de Duivelskaap heen, die de noordwestelijke begrenzing +van de Pangobaai vormt; het was nog al een gevaarlijk punt vanwege +een klip, die ver in zee vooruitstak. Op die klip was kort te voren +een schip van de Nieuw-Hebridische Compagnie vergaan. + +We voeren voorbij kaap Tu-ku-tu, bewoond door een fransche familie, die +een landbouwkolonie bestuurt; koffieboomen en kokospalmen en bananen +waren in de laatste jaren daar aangeplant, zoodat die bezitting een der +belangrijkste van de Nieuwe-Hebriden belooft te zullen worden. Het is +een doel voor uitstapjes van toeristen uit Port-Havannah, die zeker +zijn, door den heer H. goed te worden ontvangen. + +Uit wat ik hier heb meegedeeld, kan de lezer wel afleiden, dat een reis +naar het eiland Vaté niet lastig of moeilijk is; de Europeanen, die er +wonen, zijn blij, eens gastvrijheid te kunnen bewijzen aan iemand, die +hun een bezoek brengt. De inboorlingen zijn er zachtzinnig en vreedzaam +en beschouwen de Europeanen volstrekt niet met een wantrouwend +oog. Ongelukkig kan deze beschrijving alleen voor het eiland Vaté +gelden. Op de andere eilanden der groep, bij voorbeeld op Tanna en +Erromango, ontmoetten wij slechts wilde, gevaarlijke inboorlingen, +en men moet dan uiterst voorzichtig zijn bij de betrekkingen, die men +wel genoodzaakt is met hen aan te knoopen, want elk oogenblik kan er +een moeilijkheid ontstaan, die den reiziger herinnert aan de waarheid, +dat deze archipel, dien hij bezoekt, gelegen is aan den anderen kant +van de beschaafde wereld. + +Zoodra men Tu-ku-tu voorbij is, bemerkt men het eiland, dat het +Hoedeiland wordt genoemd naar den vorm, dien het met zijn laag gebergte +vertoont, of dat ook wel het Entrée-eiland heet, omdat het den weg +aangeeft, welken men heeft te volgen naar Port-Havannah, + +Wij voeren de Zuiderstraat of de Groote Straat binnen, en na enkele +oogenblikken bemerkten wij aan het kalme water en den getemperden wind, +dat we in een goed beschutte haven waren binnengekomen. Port-Havannah +was nog niet duidelijk te zien. Wij ontdekten de eilanden Déception +en Protection, die aan alle zijden de haven omsluiten, maar de huizen +der kolonisten en hun winkels waren nog niet te zien. Die gebouwen +werden verborgen door de kaap, die Kaap van het Witte Zand heette. Daar +woonde de engelsche presbyteriaansche zendeling Mac., wiens geest zoo +weinig evangelisch is gestemd en die een zoo krachtigen haat tegen +Frankrijk koestert. + +Wij lieten aan stuurboord die kaap liggen, waar de engelsche vlag boven +wapperde, en bemerkten weldra de eerste huizen van Port-Havannah. Wij +ankerden tegenover de magazijnen van de Caledonische Maatschappij. Ik +zag deze plaats met genoegen terug, waar ik zes maanden van mijn +leven had gesleten met dappere soldaten, die door moeraskoortsen +gekweld werden, maar die trotsch waren, het eerst de driekleur op +deze eilanden te hebben geplant. + +Onze nationale vlag heeft er echter slechts eenige maanden gewapperd; +zij heeft zich moeten terugtrekken voor britsche aanmatiging, en wij +hebben het moeten bijwonen, dat de huizen verwoest werden, waar onze +matrozen hadden verblijf gehouden. Nu zag ik er geen spoor meer van. + +De groote vlakte, waar Port-Havannah was gelegen, zag er niet meer +zoo druk en levendig uit als vroeger; de belangrijkheid van het +punt was sterk verminderd in de laatste jaren, en de handels- en +landbouwinrichtingen zijn nu alle geconcentreerd te Port-Vila. + +Toch scheen deze haven eens een groote toekomst te gemoet te gaan. De +reede is veilig; de vlakte wordt bespoeld door twee rivieren, die +zoet water van uitstekende hoedanigheid leveren; er zijn weiden, die +voldoende voedsel geven voor de honderd-vijftig stuks vee, welke er +grazen onder de hoede van eenige inboorlingen. + +Ik ontmoette te Port-Havannah mijn ouden vriend Mackintosh, hoofd van +het Déception-eiland; hij vertelde mij eenige van zijn gouvernementeele +rampen. Hij stond oudtijds aan het hoofd van een belangrijken stam, +waarover hij een volstrekt en onbeperkt gezag uitoefende; sedert +de engelsche zendeling is aangekomen, hebben zijn onderdanen hem +langzamerhand in den steek gelaten en ze zijn gaan wonen in het dorp +bij het huis van den heer Mac. + +Wij konden niet hopen, veel contracten te sluiten met de inboorlingen +van Vaté; ze zijn tot het Christendom bekeerd en wel tot de denkbeelden +der presbyteriaansche zendelingen; die laatsten beletten hen het +landverhuizen en houden het op alle manieren tegen, dat de jonge lieden +van daar gaan. Zij vreezen, dat het reizen hen onafhankelijker zal +maken en den invloed zal verkleinen van de predikers der christelijke +leer. Alleen de bewoners van Lélépa op het Protection-eiland bleven +ongevoelig voor de vermaningen van den anglicaanschen zendeling en +behielden ondanks alles het geloof hunner voorouders. + +Het werk der zendelingen, de invloed der Europeanen en de herhaalde +aanraking der inboorlingen met de blanken hebben het moreele +en intellectueele peil der bewoners van het Sandwich-eiland doen +stijgen. Hun materieele leven is er niet weinig op vooruitgegaan en +hun maatschappelijke verhoudingen zijn tevens verbeterd. Toch zien wij +hier, evenals op Nieuw-Caledonië, een geleidelijke vermindering van +het ras der Kanaken; stammen, die ik in 1887 had ontmoet, bestonden +niet meer, en het blijkt maar al te duidelijk, dat deze Zuidzeevolken +onvermijdelijk ten ondergang zijn gedoemd. In acht-en-twintig jaren +is het bevolkingscijfer van 8000 op 3500 gedaald. + +Mijn bezoek bij het hoofd Mackintosh van het Déception-eiland heeft +mij in die meening niet weinig versterkt; die vervallen grootheid +bracht mij naar de plek, waar zijn stam had gewoond, op den top van +den hoogsten heuvel van het eiland. Wij kwamen er langs een lastig +voetpad, dat naar een nu verlaten dorp geleidde, waar vroeger een +volkrijke vestiging was. We zagen er een twintigtal verlaten en in +puin vallende hutten. Een enkel huis had weerstand geboden aan den +tijd, en merkwaardig genoeg was dat juist het huis, dat het meest +iemand moest interesseeren, begeerig om de zeden der inboorlingen +te leeren kennen, nu die zeden en gewoonten langzaam, maar zeker, +te loor gaan bij de aanraking met de blanken. + +In dit huis toch hadden vroeger de tooneelen plaats, die dit eiland +om zijn kannibalisme zoo berucht maakten. Mackintosh diende mij +tot gids en wees mij op de balken, die het dak steunden. Zij waren +gebeeldhouwd aan hun uiteinde en vertoonden de vormen van vogels, +bijlen, messen en andere figuren. Het hoofd vertelde mij, dat aan +elk dier figuren de herinnering aan een kannibalenfeest verbonden was. + +Sedert de komst der Europeanen zijn die treurige gewoonten geheel +verdwenen; maar ik zou bijna durven beweren, dat Mackintosh, zoo +afkeerig van vreemden invloed, dien goeden, ouden tijd betreurt en +met genoegen den tijd zou zien terugkeeren, toen zijne onderdanen +nog niet hun culinaire gewoonten hadden veranderd. + +In 1872 werd op het eiland Hinchinbrock, niet ver van het +Sandwicheiland, nog een Maleier gedood en opgegeten. + +Wij verlieten het Déceptioneiland, om den Lélé-Pastam te bezoeken, +die op de zuidelijke punt van het Protectioneiland woont; wij zagen +er inboorlingen, die wenschten scheep te gaan bij ons, om het werk +van matrozen te verrichten; het zeemansleven behaagde hun zeer, maar +zij weigerden hun land te verlaten, om bij den landbouw of bij het +werk in de mijnen te worden gebruikt. Men ziet er dus niet velen in +Australië of Nieuw-Caledonië. + +Zij hebben hun plantages op het Sandwicheiland tegenover het +Protectioneiland en drijven handel in aardvruchten met de kolonisten +van Port-Vila en Port-Havannah; wij kochten er eenige matten en +armbanden van hout en schelpen. De kleeding der bewoners bestond +slechts uit een gordel van pandanusbladeren; als versiering droegen +ze een varkenstand, met een touwtje om den hals vastgebonden, of ook +wel een oesterschelp. + +Zij leefden in vrede met de naburige stammen, stonden ons met genoegen +de wapens af, die hun voorvaderen hadden gebruikt en verkochten ons +een voorraad messen en pijlen met in het vuur geharde punten. + +Gedurende onzen terugkeer naar Port-Havannah bezochten wij het +Rahni-station. Het was vroeger een belangrijke bezitting, waar veel +koffie en maïs werd verbouwd; er waren vruchtboomen geplant en ondanks +verwaarloozing gaven ze nog heerlijke vruchten. Het Sandwicheiland +is inderdaad in 't bijzonder bedeeld met natuurschoon, en de grond +brengt er mildelijk allerlei tropische producten voort. + +Er zou niet veel inspanning worden vereischt, om aan Rahni zijn +oorspronkelijken bloei terug te bezorgen; de grond is ontgonnen en +men zou zonder veel moeite het huis, dat nu vervallen is, kunnen +herstellen; een gezin van jonge, werkkrachtige menschen zou er zich +kunnen vestigen en er een landbouwkolonie stichten. Men zou dan het +eerste pionierswerk niet meer behoeven te doen, dat het budget van den +kolonist vaak al te zeer drukt en geen onmiddellijk voordeel aanbrengt. + +Wij gingen de woning van den engelschen zendeling voorbij en bespeurden +weldra het huis, dat ik in 1887 bewoonde en dat langen tijd het +eenige bewoonde verblijf op het eiland Vaté was. Vroeger waren er +geïnstalleerd geweest een familie uit Australië deze menschen wilden +beproeven, er katoen en indigo te verbouwen. + +Er werden groote werken uitgevoerd en zelfs werden met enorme kosten +stoommachines overgebracht uit Sydney. Eenige jaren lang scheen het, +of Port-Havannah eene groote toekomst te gemoet ging. Ongelukkig bleek +het klimaat te ongezond, en de amerikaansche concurrentie maakte, +dat er van de mooie plannen weinig terecht kwam; de onderneming liep +op eene liquidatie uit. + +Wij zouden nog wel langer daar hebben willen blijven en een bezoek +hebben willen brengen aan den heer G., die op de oostkust de eerste +koffieaanplanting heeft aangelegd, niet enkel de eerste op Vaté, maar +in den geheelen archipel. Zijn voorbeeld is gevolgd door de andere +Europeanen, want spoedig leerden de planters inzien, dat die cultuur +zeer winstgevend was vanwege de nabijheid der groote centra Sydney, +Melbourne en Adelaïde. De verkoop der koffie is altijd verzekerd +in die groote plaatsen en aan den anderen kant vereischt de koffie, +als zij eenmaal geplant is, niets dan wat onderhoud en geeft reeds +van het vierde jaar af een overvloedigen oogst. + +Ons bezoek aan het Sandwicheiland was afgeloopen. Ik was er lang +genoeg geweest, om mij te overtuigen van het gewicht, dat Franschen en +Engelschen aan het bezit van het eiland hechten. Herhaalde malen was er +sprake van een verdeeling van den archipel der Nieuwe-Hebriden tusschen +de beide volken, maar altijd werd het eiland Vaté of het Sandwicheiland +door beide mogendheden opgeëischt, waarbij Groot-Britannië zijn +recht grondde op de aanwezigheid zijner zendelingen, Frankrijk op +die zijner kolonisten. + +Ik geloof geen onjuistheid te zeggen, als ik beweer, dat mijn +landgenooten het meest er toe hebben bijgebracht, om de natuurlijke +hulpbronnen van het eiland te ontginnen en dat zij drie vierden van +het grondgebied in bezit hebben. + +De degelijke exploitatie van Vaté dateert pas van den dag, waarop de +Nieuw-Caledonische maatschappij, te Nouméa opgericht, haren arbeid +begon op de Nieuwe-Hebriden. De zending der kolonisten vanwege die +Maatschappij heeft misschien niet al die resultaten opgeleverd, die men +het recht had, er van te verwachten met het oog op de opofferingen, +die men zich had getroost, maar alles is toch niet verloren moeite +geweest, en enkelen van die uitgezonden kolonisten hebben zich tot +een aardigen welstand opgewerkt. + +Onze belangen dateeren dus van vóór die der Engelschen. + +Port-Vila heeft, wat de beteekenis van den handel betreft, +Port-Havannah vervangen, maar toch zal dit laatste punt in de toekomst +altijd belangrijk zijn om de haven, die groote veiligheid aanbiedt +en om de rivieren met zoet water, die men er in de buurt vindt. Of +die rivieren ook later als beweegkracht te gebruiken zouden zijn, +moet nog nader worden onderzocht. + +Van Port-Havannah sloegen wij eene noordwestelijke richting in en +verlieten de reede door den nauwen doorgang tusschen het Deception- +en het Protectioneiland. Wij waren voornemens, het noordelijk deel +van de groep der Nieuwe-Hebriden te bezoeken en stevenden naar het +eiland Api. De zuidoostenwind blies voor ons in gunstige richting; +de _Lady Saint Aubyn_ legde met gemak acht knoopen in het uur af, +en 36 uren na ons vertrek uit Port-Havannah kregen wij het eiland +Api in het gezicht. Gedurende dien korten overtocht konden wij op +een afstand de eilanden der Twee Heuvels waarnemen, het Maï-eiland, +waar drie stammen woonden, die ieder een eigen dialect spraken, en het +eiland Muna. Er is daar niet veel te zien; de bevolking vermindert +gestadig; de eilanden leveren zoo goed als niets op en ze zijn zoo +klein, dat men hun ook geen betere toekomst mag voorspellen. + +Wij lieten het anker vallen in de Diamantbaai, aan de zuidwestkust +van Api; de engelsche boot _Hector_, uit Maryborough in Queensland, +lag in dezelfde baai voor anker; zij bracht een zeker aantal Kanaken +van verschillende eilanden uit den archipel naar hun respectieve +woonplaatsen terug. In deze baai moest het schip een inboorling en +zijn vrouw afzetten, die drie jaar te voren aangenomen waren bij een +stam in het binnenland; het paar had intusschen een baby veroverd, +op engelschen grond geboren. + +Alle drie gingen aan land, in hun mooiste spullen uitgedost; de man +droeg een deftige jas uit een of ander australisch modemagazijn, +hij droeg een horloge met vergulden ketting op een smetteloos wit +vest; maar hij had bloote voeten. De vrouw liep onder een vuurroode +parasol en zag er met haar kanten japon met sleep en strooken uit +als een danseres uit een paardenspel, altijd met bloote voeten, +wel te verstaan. + +Maar pas waren ze aan wal gegaan in hun geboorteland, of de +inboorlingen aan de kust verzameld, maakten zich meester van hun +koffers en deelden den inhoud onder elkander, en binnen eenige minuten +waren de stumpers beroofd van de opbrengst van hun arbeid van drie +jaren; de australische jas en de roode parasol wekten de begeerigheid +op van het hoofd van den stam, die er zich krachtens het recht van +den sterkste van meester maakte. Zóó is nu eenmaal de ontvangst, die +de inboorlingen wacht, wanneer ze na kortere of langere afwezigheid in +hun land terugkeeren. Wat zij hebben overgespaard in den vreemde en de +waren, die zij meebrengen, worden aan de plundering van de landgenooten +prijs gegeven. Behooren ze tot een stam uit het binnenland, dan moeten +ze zich gelukkig achten, wanneer de inboorlingen van de zeekust hun +het leven laten en hen rustig laten vertrekken naar hun geboorteland. + +De tegenwoordigheid van de _Hector_ was hinderlijk voor onze +wervingsbezigheid; wij maakten ons zeilreê, om bij kaap Foreland weer +het anker te laten vallen in een door die kaap beschutte baai. Een +klein zoetwaterstroompje liep er door een vruchtbaar dal, dat echter +nog weinig bebouwd was; de bevolking is er echter vrij talrijk en +drijft een drukken handel in kokosnoten met een handelaar uit Jersey, +die sinds eenige jaren op het eiland woont; een engelsche zendeling +woont er dichtbij en beproeft, maar met slechts matig succes, den +inboorlingen zijne geloofsovertuiging bij te brengen. + +Wij recruteerden een paar jongelingen en een kleinen jongen van een +jaar of zes, die zijn vader en zijn moeder had verloren en opgedragen +was aan de zorg van een oom. Deze kon hem niet langer te eten geven +en wenschte hem te verhuren voor den arbeid te Nouméa. Het was een +goed werk, dat aanbod aan te nemen, want het stond te vreezen, dat +die oom, dien het verveelde den knaap te onderhouden, hem op een +goeden dag een gewelddadigen dood zou doen sterven. + +De kleine Kanakenjongen ging met genoegen mee; zijn vroolijk, +intelligent gezichtje straalde van blijdschap, en ieder had plezier +in hem. Onze reeder hield hem later bij zich en wilde er een jockey +van maken, bestemd te schitteren op de nieuw-caledonische renbaan. + +'s Nachts wist een onzer pas aangeworven arbeiders te ontsnappen; hij +zwom naar den wal, maar was niet zoo beleefd geweest, ons het handgeld +terug te geven. Er zal nauwlettender toezicht moeten worden gehouden, +en de inboorlingen zullen bij zonsondergang in het tusschendek worden +opgesloten. + +Wij zeilden nu naar Pané op dezelfde kust; maar terstond bij aankomst +zagen we aan het strand in den grond gestoken palen, taboes, die +vrouwen en jongelieden moesten waarschuwen, niet mee te gaan met +de schepen der fransche wervers. Ziehier, welke reden ons voor dat +verbod of die waarschuwing werd opgegeven. Twee maanden te voren had +een engelsch schip _Alice and Mary_ veertig inboorlingen, tot den +stam uit Pané behoorend, aangeworven. Het had schipbreuk geleden op +de kust van Mallicolo, en de Kanaken waren verdronken. Nu mocht voor +een vastgestelden tijd geen inboorling zijn dorp verlaten; zóó hadden +het de toovenaars van den stam beslist. + +Onmiddellijk zetten wij koers naar de Yémubaai tegenover het eilandje +Lamenu; een vrij aardig huis werd zichtbaar aan de kust; het was de +woning van een nieuw-caledonischen kleurling, die een belangrijke +aanplanting van maïs en koffie had aangelegd. Hij gebruikte als +arbeidskrachten Kanaken van de naburige eilanden. Zijn plantages +lagen in een zeer vruchtbaar dal, besproeid door een rivier, die +steeds voldoende water had. + +Mijn tochtjes over het eiland in verschillende richtingen deden mij +tot het besluit komen, dat het eiland Api het vruchtbaarste van den +archipel was. De grond is er rijk; de humuslaag op den rotsgrond +heeft eene aanmerkelijke dikte bereikt, en zoo is er een weelderige +plantengroei ontstaan, en de rivieren zetten aan hun oevers een groote +hoeveelheid slijk af, die nieuwe vruchtbaarheid brengt. Het eiland +Api wordt goed besproeid en heeft vrijwat stroomende watertjes, want +eveneens is het gesteld te Foreland, Pané, Yému; maar ongelukkig is er +geen enkele haven, wel heeft men aan deze kust bruikbare ankerplaatsen. + +De geheele bevolking van het eiland kan op 18.000 zielen worden +geschat. Zij zijn tenger en klein, en velen van hen hadden wonden op +het lichaam, die zij door bepaalde planten er op te leggen, trachten +te genezen. Zij hebben den naam van erg wraakzuchtig te zijn en hebben +zich berucht gemaakt door herhaalde aanvallen op Europeanen. Zoo is +er bijna geen enkel punt op Api, waar men met vertrouwen kan landen, +en men moet de grootste waakzaamheid in acht nemen. Vele nachten +heb ik aan den wal geslapen, altijd met revolver en patronen binnen +mijn bereik. + +In de Yémubaai zag ik de inboorlingen op een dag vereenigd bij +gelegenheid van een hunner feesten of _sinn-sinn_. De mannen hadden om +het middel een enkel touw, waaraan een koker van schors was bevestigd; +enkelen van hen hadden het tot een wollen hemd of vest gebracht. De +vrouwen uit het binnenland hadden niet anders aan of om, dan een +gordel van bananenbladeren, maar die van de kust waren in een lap +katoen gehuld. + +Elke inboorling was gewapend met een knots of met een rond mes. Hoewel +de bewoners van Api niet zoo beslist oorlogszuchtig zijn als die +van Tanna, voeren ze dikwijls strijd tegen elkander. Het is dan een +oorlog met hinderlagen; er worden diepe kuilen in den grond gegraven +en een inboorling, door den hoofdman van den stam aangewezen, moet +er in gaan liggen en den vijand afwachten, als hij voorbijgaat. + +Hun instinct is tot menscheneten maar al te zeer geneigd, en als +ze die kannabalistische> neiging kunnen bevredigen, gaan ze daarbij +aldus te werk. Van een gevangene wordt de romp aan de jonge lieden +afgestaan; de ingewanden zijn bestemd voor de varkens en de honden; de +mannen krijgen de ledematen. Vrouwen mogen aan dergelijke barbaarsche +maaltijden niet deelnemen. + +Altijd gaan die maaltijden met feesten en dansen gepaard. Een koopman, +die reeds lange jaren op Api woont, gaf mij een beschrijving van de +dansen. Het costuum van het hoofd bestaat dan uit een groote bloem, +in ieder oor gestoken, een veêr in de haren, een tak in den gordel, +een laag verf op iedere wang en op het puntje van den neus. Hij houdt +in zijn linkerhand een zeker aantal lansen vast en in de rechter zwaait +hij een knots. Dan loopt hij rondom de inlandsche trommelslagers, en +danst en springt, terwijl de muzikanten met behulp van twee stukken +hout hun trommels slaan en een helsch rumoer maken. + +De hoofden hebben veel autoriteit; het heet, dat zij alleen de kunst +verstaan, de pijlpunten te vergiftigen. + +Ons verblijf te Yému was nog al gunstig voor onze werving; we konden +een tiental Kanaken recruteeren. De _Lady Saint Aubyn_ wendde zich +daarna naar de westkust en wij voeren door de straat, die het eiland +van Ambryn scheidt. Daar zagen wij een bezitting van een Europeaan, +die kort te voren door de bewoners van het eiland Paama vermoord was +geworden. Wij ankerden in de Groote Baai. + +Onder de stammen van Mangliao, Apwe en Baap hoopten wij velen te +werven; maar zoodra wij waren aangekomen, kwam er een boot van den +wal, en de inboorlingen, die er in zaten, vertelden ons, dat sedert +de komst van de onderwijzers of vermaners, door den zendeling van +Foreland gezonden, de stammen van Mangliao en Apwe zich aan zijn gezag +hadden onderworpen. Dus hadden ze besloten, geen verbintenissen naar +buiten meer aan te gaan, en men gaf ons den raad, zoodra mogelijk +den terugtocht te aanvaarden. Toch bleven wij een paar dagen, en +het gelukte ons, drie inboorlingen mee te krijgen, afkomstig uit het +dorp Baap. + +De Groote Baai van Api zou gunstig gelegen zijn voor eene europeesche +vestiging; er is een zeer mooie plantengroei; de bosschen hebben veel +bruikbaar hout, en de Kanaken hebben reeds goede bananenaanplantingen +aangelegd. Wat het klimaat en de gezondheid betreft, deze verschillen +naarmate men aan de eene of aan de andere kust van het eiland is. De +noordkust en de noordwestkust, blootgesteld aan de uit zee komende +winden, schijnen in een uitstekende conditie te verkeeren; maar de +zuidkust en die in het Zuidwesten, die de luchtstroomen opvangen, +nadat deze gestreken zijn over Paama, Lopévi, May, Tongoa, Shepherd, +zouden voor een Europeaan, die er langen tijd moest vertoeven, +allerverderfelijkst kunnen worden. Dit is echter slechts mijn +persoonlijk gevoelen; de ervaring kan later misschien tot een ander +oordeel leiden. + +Ons bezoek aan Api was afgeloopen. Wij zouden nu het eiland +Paama aandoen en voeren voorbij het eilandje Lopévi, waarvan de +suikerbroodvorm zeer opmerkelijk was. Het is van vulkanischen oorsprong +en bereikt wel een hoogte van 1650 M. + +Van tijd tot tijd kwam er uit den top van den berg rook; maar +wij konden in 't voorbijgaan de omtrekken verder niet nauwkeurig +onderscheiden. Het bestaan van dien vulkaan bevestigt een vrij +zonderlinge opmerking, die in dit deel van Oceanië is gemaakt, +namelijk dat de werkzame vulkanen in een lijn zouden liggen, die, +van Tanna uitgaande, een noordwestelijke richting zou inslaan en +zich dan zou aansluiten bij Lopévi en Ambrym op de Nieuwe-Hebriden, +bij de zwavelbronnen van Vanua-Lava en de kraters van Urépara-pasa +en Tinakula op de Bankseilanden. Die lijn zou eene lengte hebben van +een duizendtal K.M. ongeveer. + +Het oude vulkanische karakter van Lopévi verklaart de weinige +vruchtbaarheid van het eilandje; er wonen niet veel menschen. Tachtig à +honderd inboorlingen verbouwen een en ander op een kleine landtong in +'t Noordwesten. Zij onderhouden geregelde betrekkingen met de Kanaken +van het eiland Api, wier taal zij spreken. + +We hadden niet veel tijd noodig, om de westkust van Paama te bereiken +en het anker te Liro uit te werpen, een eiland, dat 10 K.M. lang en +ongeveer 4 K.M. breed is. Het is dus niet zeer groot, maar wel is +het dicht bevolkt; na enkele oogenblikken was het dek van ons schip +overstroomd door een massa luidruchtige Kanaken, blij, dat ze ons hun +producten konden verkoopen in ruil voor tabak, pijpen en lucifers. Die +beleefdheid, ons zoo spoedig te bezoeken, voorspelde wat goeds; zij +verdreef onze achterdocht ten opzichte van deze inboorlingen, die in +den ganschen archipel geen al te besten naam hebben. Sedert langen +tijd kon geen schip Paama naderen, of het werd met geweerschoten +ontvangen. Het zou mij misschien gemakkelijk vallen, een verklaring +voor die vijandige gezindheid te vinden in het volgende feit. Een +tiental jaren geleden beproefden bewoners van het eiland, die met +geweld waren aangeworven, hun vrijheid terug te krijgen aan boord +van het schip, dat hen meevoerde naar Australië. De bemanning sloot +hen toen op in het ruim en doodde hen allen; "ze werden als ratten +vermoord", zei bij gelegenheid van de rechtzaak de advocaat-generaal +van Nieuw Zuid-Wales. + +Het verbaast mij dus niet, dat er herhaaldelijk aanvallen zijn gedaan +door de Kanaken op Europeanen en dat zij zich krachtig verzetten tegen +een vaste vestiging van vreemdelingen op hun eiland; oorlogsschepen +hebben de dorpen daarbij wel eens gebombardeerd, en bij mijn bezoek +heb ik voor een pak tabak een bom kunnen koopen, die afgeschoten was +door het fransche adviesjacht _D'Estrées_. Van een _Man oui oui_, +zei de inboorling, die het voorwerp mij bracht. Wij, Franschen, worden +namelijk door de bewoners van de Nieuwe-Hebriden als de _Man oui oui_ +aangeduid, en zoo werd mij bekend gemaakt, dat een fransch schip het +schot had gelost. + +Wij voeren vlug om het eiland heen en bleven op onze hoede, want ieder +inboorling is gewapend met zijn Snidersgeweer en zou niet aarzelen, ons +een poets te bakken, als onze waakzaamheid ook maar even verflauwde. + +Het land was goed bebouwd; aanplantingen liepen tot aan de zee voort, +en men zamelde er in grooten getale de vruchten van den broodboom +in. Al is er dus een dichte bevolking, gebrek wordt er niet geleden, en +deze inboorlingen zijn forsch en krachtig. Het is waarschijnlijk, dat +men hier niet veel sympathie zal hebben voor de vreemde koloniën. Geen +der inboorlingen wilde tot landverhuizing besluiten; allen bleven +bestand tegen de velerlei aanlokking, hun door ons voorgehouden, +als ze te Nouméa wilden komen werken. + +Wij verlieten het eiland Paama om zeven uur 's morgens. Terwijl ons +schip onder zeil bleef, trachtten de kleine booten de oostkust van +Ambrym te naderen bij den stam Pemedial, maar de toestand der zee +belette het aan wal gaan; daarbij was de kust steil, en onder den +invloed van de heftig blazende zuidoostenwinden sloegen de golven met +kracht tegen de loodrechte rotsen. Het was nutteloos, een poging te +wagen, om met het land gemeenschap te onderhouden. Wij voeren langs +de zuidkust en ankerden daar tegenover het station van Dick A. + +Dat personnage is een Engelschman, die al lange jaren in den archipel +woont en alle eilanden bereisd heeft. Hij kent uitstekend de havens +der Nieuwe-Hebriden en ook die der Salomonseilanden. Daar het ons plan +was, aan die laatste groep een bezoek te brengen, was onze kapitein er +op gesteld, aan boord van de _Lady Saint Aubyn_ iemand te hebben, die +ervaring had van de streek en ons van goeden raad kon dienen. Hij vond +dien in den persoon van Dick A., die snel zijn bagage inpakte en met +zijn trouwe levensgezellin, een Kanakenvrouw van het Pinkstereiland, +aan boord kwam. Zij was door elephantiasis aangetast, miste alle +uiterlijk schoon, maar was vol toewijding voor haren meester. + +Toen ik naar boord terugkeerde, was ik aan het strand tegenwoordig +bij de werving van twee vrouwen, die, zooals zij zeiden, blij waren +het eiland te kunnen verlaten, om aan de slechte behandeling van hunne +echtgenooten te ontkomen. Die laatsten, verlokt door het gezicht van +de goederen, die wij hadden aan te bieden, gaven hunne toestemming, +en de beide vrouwen zwommen naar ons schip toe; één van haar nam +een kindje van een paar maanden mee; zij verliet haar dorp, zonder +zich te laten verteederen door de tranen van hare oudste dochter, +die bij haar vertrek tegenwoordig was en haar wilde terughouden. + +De inboorlingen van dit eiland zijn klein en welgevormd; zij hebben een +opgewekt, vrij intelligent uiterlijk, maar hebben den naam van korte +metten te maken met lastige blanken, niet door geweerschoten te lossen, +maar door middel van vergif. Ik geef die laatste bewering slechts +onder voorbehoud, en geloof dat de vele sterfgevallen aan het klimaat +moesten worden toegeschreven en niet aan misdadige handelingen. Hoe +het zij, men heeft deze inboorlingen te Nouméa graag als werkkrachten, +ze worden uitnemende arbeiders. + +Ze wonen hier in kleine dorpen aan het strand der zee of in het +binnenland op de berghellingen. Hun woningen zijn nog uiterst +primitief, maar toch voldoende om hen te beschermen tegen de ongunst +van het weder. Het binnenland is zeer schaars bevolkt, een gevolg +van de aanwezigheid van den vulkaan. Op den top van een der bergen +heeft men een krater, die rook laat ontsnappen; maar de uitbarstingen +zijn niet aanhoudend zooals op Tanna, en ik passeerde het eiland +menigmaal, zonder het minste of geringste teeken te bespeuren, dat +van de werkzaamheid van het onderaardsche vuur getuigde. + +De geologische gesteldheid van Ambrym verklaart de geringe +vruchtbaarheid; de grond is poreus, zandig en dor, en er is weinig +water op het eiland; zoet water is er alleen in gegraven plassen, +en er stroomt geen enkele rivier; dus is de plantengroei schraal, +gelijkend op dien van Tanna in de buurt van Port Resolution en +Wassissi. Toch wonen er nog zeven of acht Europeanen; ik ontmoette +hen op de verschillende plaatsen, waar wij stilhielden, bij Malo, +Creig Cove, Dip Point, Rhanone; ze dreven allen handel in copra, door +middel van schepen die op Nieuw-Caledonië of Australië voeren. Enkelen +worden er rijk, en ik hoorde dikwijls spreken van F., die alleen op +de noordwestkust woonde en schitterende zaken deed. + +Te Dip Point bezocht ik de inrichting van zulk een _copramaker_, +een industrie, zeer algemeen in den archipel der Stille Zuidzee en +die wel even nader mag worden beschreven. + +Men vindt die copramakers op alle eilanden, maar vooral op Ambrym en +Aoba. Waar komen zij vandaan? Dat weten ze vaak zelf niet of ze houden +het zorgvuldig geheim. Nu eens is het een Portugees, die er voor altijd +van heeft afgezien, ooit naar de oevers van de Taag terug te keeren; +dan een voorzichtige Engelschman, wien een bezoek aan de Theems voor +altijd is verboden, of wel een Franschman, die het eiland Nou van +nabij kent en al te compromitteerende betrekkingen heeft te Nouméa; +soms ook is het een gouvernementsambtenaar, die niet snel genoeg +carrière heeft gemaakt en uit den dienst is gegaan, en men ziet er +ook wel jongelui, die door de familie in den steek zijn gelaten. Voor +al dezulken zijn de Nieuwe-Hebriden het beloofde land; ze vinden er +geen wetten, geen gezag en geen regeering; gendarmen en politie zijn +er nog niet ingevoerd; ieder leeft er zooals het hem behaagt, regelt +zelf zijn zaken zooals hij wil, en behoeft zich nooit te ergeren over +de langzaamheid van de rechtsspraak. + +Levend in een hut, door de inboorlingen gebouwd, koopt zoo iemand +alle kokosnoten die hem worden gebracht en zoekt voor de eenzaamheid +troost bij de flesch. Veel heeft hij niet te doen; het blijft bij +eenig toezicht op de beide Kanaken, die hij gewoonlijk in dienst +heeft, om de noten in tweeën te splijten. Elke helft wordt aan de zon +blootgesteld of aan de hitte van een vuur en het gedroogde vleesch +wordt daarna uit de noot gehaald en heet copra. Dat product wordt +naar Marseille vervoerd en doet er dienst bij de zeepfabricatie. + +Vanaf de kust van Ambrym bespeurt men in het Westen een vrij lang, +bergachtig eiland, Mallicolo, welbekend op het oogenblik der bezetting, +omdat daar een zekere J. woonde, die door de inboorlingen werd +gedood. Zijn dood diende tot voorwendsel voor het zenden van soldaten, +die de veiligheid van onze landgenooten moesten waarborgen. Er werd te +Port Sandwich een post gevestigd. Nu wendden wij ons naar die plaats, +na op Ambrym onze taak te hebben volbracht. + +Dick A. diende ons tot loods en leidde ons zonder aarzeling in +de straat, die uitkwam in de ruime baai van Port-Sandwich. Eerst +voeren wij langs de Maskelyne-eilanden, ten zuiden van Mallicolo +gelegen. Men deed er aan vischvangst, en de Europeanen die er woonden, +met name de heer Mac L., vonden daarin zelfs een bestaan. Wie in +deze streken vertoeft hoort vaak van den laatste spreken; zijn naam +komt telkens weer voor in de gesprekken, niet alleen van blanken, +doch ook van Kanaken. Hij is een der laatste vertegenwoordigers +van die groep handelaars, die onder de namen van walvischvaarders, +sandelhoutinzamelaars, houders van slavenschepen oudtijds in dezen +archipel berucht werden en door hun zeeschuimerij en hun willekeurig +optreden de vijandige gevoelens tegen de blanken deden ontstaan, +die nu nog bij de inboorlingen worden opgemerkt. + +Hij was dertig jaren geleden zonder een cent in den archipel gekomen +en bezit nu een vermogen van eenige millioenen, verkregen door den +handel met de inboorlingen, toen er nog in 't minst geen regel daarin +was gebracht; en gelukkige speculaties met grond hadden het hunne +tot zijn fortuin bijgedragen. Uit staatkundig oogpunt was hij een +verbitterd vijand van den franschen invloed, en hij streed daartegen +al lange jaren met de grootste geestkracht; van zedelijkheidsstandpunt +kende hij geen scrupules, zooals gebleken is uit de quaesties, die +hij had met de Caledonische Maatschappij. Zóó is de heer Mac L., +wiens naam door elken reiziger dadelijk nadat hij aan wal stapt wordt +vernomen; ik moest hem wel met een paar woorden teekenen, en ik heb +hem dikwijls ontmoet. + +Maar om terug te komen op de Maskelyne-eilanden, er zijn er daarvan +drie. Oudtijds waren ze bewoond door een talrijke bevolking, maar +nu zijn ze zoo goed als verlaten, en we zagen slechts nu en dan +eens een boot langs de kust varen. De weinig teergevoelige wervers +hebben menigmaal gewapende expedities naar den wal gezonden, die de +inboorlingen met geweld meevoerden, de dorpen verbrandden en zelfs +vóór hun komst overal schrik en angst verspreidden in de bewoonde +oorden. Aan die daden van zeeroof moet de ontvolking van vele eilanden +worden toegeschreven. + +Wij kwamen te Port-Sandwich en legden aan in een prachtige, goed +beschutte haven. Wij waren daar in een betrekkelijk beschaafd land; +'t is de hoofdstad van den archipel, de stad der pretjes op de +Nieuwe-Hebriden; daar ontmoeten elkander de coprahandelaars van de +naburige eilanden en komen er hun opgespaard geld verteren. Men kan +er waarnemen, hoe zakken copra omgezet worden in kisten jenever, +tot groot genoegen van die echte drinkers van den Stillen Oceaan. + +Wat is Port-Sandwich? Enkele huizen aan weerskanten van de baai, +één winkel van de Caledonische Maatschappij, een kolendepôt, een +kade, dat is het eenige, wat er nog te zien is in die veiligste +haven van de geheele eilandengroep. Maar men moet niet op den schijn +afgaan; feitelijk wordt daar veel handel gedreven, schepen van alle +nationaliteiten laten er het anker vallen en brengen er leven en +beweging; zij laten er koopwaren achter, nemen de producten van +het land in en brengen die naar Nouméa, Sydney, Queensland of de +Fidsji-eilanden. + +Het is ook een centrum der landbouwkolonisatie. Ik ging aan land, +om den heer G., agent van de Nieuwe-Hebridenmaatschappij een bezoek +te brengen. Hij verheugde zich erin, mij de aanplantingen van maïs +en koffie te kunnen vertoonen, door hem in het leven geroepen, in +'t belang der maatschappij die hij vertegenwoordigde. Hij bood mij +allervriendelijkst gastvrijheid aan, en in de schaduw van het aardige +huis op het strand heb ik prettige oogenblikken gesleten en ik heb er, +beter dan mij aan boord mogelijk was, mijn aanteekeningen van de reis +kunnen uitwerken. + +Er zijn niet veel Kanaken te Port-Sandwich, en men moet naar het +binnenland gaan om eenigszins talrijke groepen aan te treffen. Wij +zetten dus koers naar de westkust van Mallicolo, passeerden weer de +Maskelyne-eilanden en sloegen vervolgens eene noordelijke richting +in. De westkust vertoonde een dor, verlaten aanzien. De Nieuwe-Hebriden +zijn over 't algemeen merkwaardig om hun weelderigen plantengroei, +om hun prachtige bosschen, zich uitstrekkend tot het strand der zee, +en men staat verbaasd over den rijkdom van den grond, bedekt met zoo +velerlei planten en zulke reusachtige boomen. Maar in dit gedeelte van +Mallicolo is de toestand niet zoo liefelijk; de kust is er steil en +wordt gevormd door kale rotsen, verdord er uit ziende en geschroeid +door den fellen zonneschijn. Wel ziet men in de diepte een paar groene +heuvels, maar men moet vrij ver in het binnenland doordringen, om +geschikten bouwgrond aan te treffen. Kokospalmen komen aan het strand +weinig voor, en de Kanaken hebben geen enkele aanplanting gewaagd. + +In de baai in 't Zuidwesten, waar wij hadden geankerd, wordt de natuur +iets beter, dank zij den drie rivieren, die er zich in zee storten en +door nog al vruchtbare dalen stroomen. Zelfs ziet men na 't passeeren +van de rots aan den ingang der baai bouquetten van kokospalmen, +die de inlandsche dorpen voor het oog verbergen. Nauwelijks hadden +wij op eenige meters afstands van het dorp het anker laten vallen, +of wij zagen talrijke booten met inboorlingen op ons afkomen, +luidruchtig op de _Lady Saint Aubyn_ aanroeiend. De aanblik van die +Kanaken was zonderling; allen hadden ze verbazend puntig toeloopende +hoofden, glimmende, met kokosvet ingesmeerde haren en armbanden, +van parelen of van varkenstanden gemaakt. Die puntige vorm van den +schedel is kenschetsend voor de bewoners van Mallicolo. Dit was het +eenige punt, waar ik die eigenaardige misvorming heb aangetroffen, +die een gevolg is van bepaalde manipulaties, op de hoofden der kleine +kinderen toegepast. Er worden daarvoor banden van boomschors gebezigd, +die om de hoofdjes worden gewikkeld, om er den gewenschten vorm aan +te geven. In een der booten zag ik een zoo toegetakeld klein kindje. + +Ik heb talrijke wapenen aangekocht, want de inboorlingen hier +verkochten gereedelijk hun knotsen en pijlen en bogen. De knots is van +zeer hard hout gemaakt, en heeft een lengte van ongeveer een meter, +op het eind uitloopend in een kraagje, dat tot steun dient voor de +hand; de bogen werden gespannen met vezels van bananen. + +Deze inboorlingen hebben een groote vaardigheid in het maken van +pijlen, en zij kunnen ze, heet het, vergiftigen; die, welke ik heb +kunnen koopen, waren opgeborgen in een doos, die de punten verborg, +zoodat men zich er niet aan kon verwonden. Zij zijn overtuigd van de +werkdadigheid van het gif, maar ik kan zeggen, dat de proeven, met +die pijlen genomen, niet konden doen besluiten tot de aanwezigheid +van eenig vergif. Hoe het zij, zij passen de volgende methode toe, +met het doel de pijlen te vergiftigen. Zij halen uit een bepaalden boom +een kleverig sap, waarmee zij de pijlpunt bestrijken; vervolgens nemen +ze wat aarde, afkomstig van een ongezonde plek of uit een moeras van +wortelboomen en laten de punt daarin eenigen tijd staan. Vervolgens +wordt alles in de zon gedroogd. + +Die wapens hebben den naam van zeer gevaarlijk te zijn. Toen ik ze +uit de doos haalde, om ze te bezien, gingen alle inboorlingen, die +in een kring om mij heen stonden, ver uiteen en waarschuwden mij +voor het gevaar, dat mij bedreigde, als ik ook maar het geringste +wondje kreeg. Toch zou het misschien voorbarig en gevaarlijk zijn, +ze als volkomen onschadelijk te beschouwen. De voorbeelden van den +commodore Goodenough, van bisschop Patteson en van veel Europeanen, +die aan tetanus of spierkramp overleden ten gevolge hunner wonden, +zijn nog van te recenten datum, dan dat men de vraag van de al of +niet vergiftigheid als opgelost zou kunnen bespeuren. + +De inboorlingen van de zuidwestelijke baai hadden juist bezoek gehad +van een duitsch werfschip van de Samoa-eilanden; doch niemand van de +bewoners had zich willen laten aanwerven wegens de slechte behandeling, +die de arbeiders in de werkplaatsen op die eilanden ondervinden. + +Bovendien had eenige jaren geleden Duitschland een oorlogsschip +gezonden, om den moord van een Duitscher te Mallicolo te wreken; +de herinnering aan de kanonkogels had de duitsche vlag niet populair +gemaakt bij deze inboorlingen. Zoo althans luidden de inlichtingen, +mij verstrekt door een inboorling, die drie jaar op de Samoa-eilanden +had gewoond. + +Mijn wandelingen over het eiland voerden mij een paar keeren naar een +dorp, aan den rand van een lagune gelegen, die vrij diep landwaarts +in drong; de hutten waren alle van riet en bamboes opgetrokken; +maar het huis van het hoofd was gemakkelijk herkenbaar aan de heg er +omheen en aan de groote schelpen en onderkaken van varkens, die het +dak versierden. Het hoofd heeft ook nog een ander voorrecht; bij zijn +dood wordt namelijk zijn lichaam in stroo en in lianen gewikkeld en +zoo met klei bestreken en gekleurd met zwarte, roode en blauwe verf, +waarna het in een bepaald gebouw wordt geborgen, dat de lijken der +stamhoofden bevat. + +Ik heb het kunstenaarstalent van deze Kanaken kunnen bewonderen in +de koppen van klei of leem, die men in de hutten aantreft, en in de +maskers van boomschors met groote, puntige hoeden gekroond, die zij +gebruiken bij de groote feesten of _sinn-sinn_. Maar ik zou niet +durven zeggen, dat de vormen of de teekeningen tot modellen konden +dienen voor onze europeesche kunstenaars. + +Bij mijn omzwervingen door het dorp heb ik weinig vrouwen ontmoet; die +ik zag, waren gekleed in een zeer primitief costuum, bestaande uit een +gordel van pandanusbladeren, maar ik heb tevens kunnen constateeren, +dat ze alle de snijtanden in de bovenkaak misten, een eigenaardige +mode op het eiland Mallicolo. + +De zuidwestelijke baai is de eenige goede reede aan de kust; wij gingen +dus nergens aan wal, behalve met kleinere bootjes. In de Espièglebaai +begonnen wij te onderhandelen met enkele inboorlingen, die ons +beschroomd naderden. Men bespeurt wel, dat dit deel van het eiland +zelden bezoek krijgt. De bewoners keken den Europeaan verbaasd aan, +en toen ze een beetje vertrouwd met hem raakten, werd hij betast, alsof +ze wilden voelen of hij wel van eenzelfde maaksel was als zij. Een der +Kanaken met witte, scherpe tanden voelde mijn armen en kuiten en scheen +bij zich zelven iets te overleggen, waarvan ik de strekking ten halve +begreep. De kannibalenneiging van de inboorlingen dezer kust is bekend, +en mijn vriend taxeerde mij denkelijk eens, om te zien of ik al goed +was voor een feestmaal van menscheneters. Bij sommige stammen bepalen +ze zich er niet toe, door bewegingen hun gedachten aan te duiden, +maar uiten een paar woorden, die "goed om te eten" beduiden en die +u doen beseffen, met welke oogen ze uw persoon zoo nauwlettend opnemen. + +Mallicolo is niet zeer vruchtbaar in het gedeelte dat wij nu bezochten; +er waren weinig plantages en de grond was er dor; hij bestond enkel uit +vulkanische rotsen, waarop geen boom of plant groeide. Wij haastten +ons, dat ongastvrij oord te verlaten, en wij bereikten al gauw de +Bougainvillestraat, die dit eiland van Espiritu Santo scheidt. Door +die straat voer Bougainville, toen hij het eiland ontdekte. Langen tijd +had men de Nieuwe-Hebriden beschouwd als deel uitmakend van het groote +Zuidelijke vastland; maar de fransche zeevaarder bracht de waarheid +aan het licht, door aan te toonen, dat zij een eilandengroep vormen, +terwijl Cook later de zuidelijke eilanden er van zou ontdekken. + +Het zal misschien interessant zijn, den lezer er aan te herinneren, +dat bij gelegenheid van deze reis een vrouw voor de eerste maal de reis +om de wereld deed. Dat feit werd door Bougainville ontdekt, juist toen +hij zich bij Mallicolo bevond. Ziehier, in welke omstandigheden. Het +gerucht liep aan boord van de _Etoile_, dat de bediende van den heer +de Commerçon een vrouw was. Die persoon, Baré geheeten, volgde den +meester overal heen, had mee de bergen aan de Magellaensstraat bestegen +en deinsde voor geen enkelen vermoeienden tocht terug. De bewoners +van Tahiti hadden het eerst hare sekse geraden, die door niemand der +medepassagiers nog was vermoed; zij gedroeg zich trouwens altijd kalm +en behoorlijk als een teruggetrokken, stille jonge man. Bougainville +liet haar bij zich komen en zij bekende, dat ze uit droefheid over +den dood van haar verloofde mannenkleeren was gaan dragen en zich +als knecht had verhuurd. + +Wij deden zulk een ontdekking niet aan boord van de _Lady Saint Aubyn_, +maar na een doodkalmen overtocht, die door geen enkel incident werd +gekenmerkt, lieten wij het anker vallen bij het eiland Vao, vóór de +oostkust van Mallicolo. Al spoedig kregen we hier bezoek van een +landgenoot, pater L., een zendeling der Maristen, die sedert twee +jaren te Mallicolo woont en de inboorlingen tot het katholieke geloof +tracht te bekeeren. Hij heeft niet veel succes, want de bewoners van +dit eiland zijn afkeerig van europeeschen invloed; zij leven slechts +van roof en plundering en hebben volstrekt geen vreedzame gevoelens +tegenover den zendeling, dien zij elk oogenblik met den dood bedreigen. + +Ik bewonder den moed van dezen Franschman, wiens handelingen waarlijk +wel de vergelijking kunnen doorstaan met die van de engelsche +presbyteriaansche zendelingen; geen zucht naar winst doet hem in deze +streken blijven en hij tracht ook niet, zich een behagelijk interieur +te bezorgen, dat nadeel zou kunnen doen aan de zaak die hij wil +dienen. Ik bracht een bezoek aan zijn huis, van riet opgetrokken en +met allerprimitiefste meubels; een houten tafel, twee matten stoelen, +een bed in een hoek was alle ameublement; zijn voedsel was hoogst +eenvoudig en bestond uit knollen en beschuit met hetgeen eenige +blikjes opleverden. Ik dronk er echter een uitstekend glas bier, +bereid uit een plant van die streek. + +Vao is een dichtbevolkt eilandje, maar toen wij het anker er +uitwierpen, ontdekten wij geen enkelen inboorling op het strand; alle +Kanaken waren inderdaad naar liet groote eiland Mallicolo gegaan, om er +op de plantages te werken of om met het geweer in de hand de arbeiders +te verdedigen tegen aanvallen van de inboorlingen uit het binnenland. + +Tegen vier uur in den avond zagen wij ze terugkeeren naar hun dorpen +op het kleine eiland; enkelen verkochten ons in 't voorbijgaan hunne +aardvruchten en boden mij een plaats aan in hun booten. Zij zetten +mij aan het strand af, en ik behoefde maar enkele schreden te doen, +om in het dorp te komen. Een troep varkens en honden liep dadelijk +om mij heen en wilde mij de nadering beletten; maar de inboorlingen +kwamen er op toe en verjoegen de dieren met hun stokken. Ik beloonde +mijn redders door pijpen en tabak onder hen uit te deelen; die +edelmoedigheid bezorgde mij hun vertrouwen, en zoo kon ik met hen +een gesprek beginnen. + +Sedert eenige dagen was een der hoofden uit het dorp boos op de +blanken, omdat Mac L., van wien ik reeds heb gesproken, hem zijn +zoon had ontroofd, die nu te Port-Vila bij dien Engelschman moest +werken. Hij ontvouwde mij zijn grieven, en de goudgalons ziende op +de mouwen van mijn buis, vroeg hij mij, of ik hem door middel van de +oorlogsschepen recht wilde doen weervaren; als belooning zou ik een +hermaphroditisch varken ontvangen. Dat was een prachtig cadeau in +de oogen der inboorlingen, want voor een hermaphroditisch varken kan +men het ver brengen in den stam, zich een hooge positie verschaffen +en zelfs een vrouw koopen. + +Wij hadden spoedig ons recruteeringswerk op het eiland Vao ten einde +gebracht. De nabijheid van de coprahandelaars maakte, dat de menschen +hun kokosnoten aan den man konden brengen en dat ze in ruil daarvoor +europeesche waren konden erlangen; dus gevoelden zij geen behoefte, +om elders hun kostwinning te zoeken en verlieten niet graag hun +geboortegrond. Wij vervolgden onze vaart naar het Noorden van den +archipel en waren voornemens, het noordelijkste en grootste eiland +van de groep te bezoeken, het eiland Spiritu Santo of kortweg Santo. + +Wij voeren om de zuidpunt van het eiland Malo heen en konden een +fransche driekleur ontdekken, die ons in 't voorbijgaan groette. Dat +was de woning van pater D., een fransch zendeling, die reeds dertig +jaren in de Stille Zuidzee verblijf houdt. Hij heeft de eilanders +op de Fidsji-eilanden bekeerd, en beproeft thans de inboorlingen van +Malo tot het Katholicisme te brengen. + +Door een gunstigen wind gedreven, kwam de _Lady Saint Aubyn_ in het +Bruatkanaal, dat het eiland Aoré van Malo scheidt en langs Tongoa +gaat, waar de dweepzieke Presbyteriaan A. woont, om vervolgens het +anker uit te werpen bij kaap Lisburn op de westkust van Spiritu Santo. + +Ik heb weinig zulke schilderachtige plaatsen gezien als het dorp +Nouvin, tegenover hetwelk wij stilhielden; het was gebouwd op de +helling van een heuvel, aan welks voet een bevaarbare rivier stroomde; +de oevers waren met boomen en struiken begroeid, waardoor de reizigers +beschut waren tegen de felle zonnestralen, en de zandige bedding van +den helderen stroom lokte uit tot het nemen van een verfrisschend bad. + +Maar het komt mij voor, dat de inboorlingen van Nouvin een heiligen +schrik hebben voor het heldere water, want ze zijn bedekt met een laag +oud vuil, en de lompen, die maar povertjes hun naaktheid bedekken, +schijnen al heel zelden met de wasch kennis te hebben gemaakt. Zij +maken hun leelijkheid en hun vuilheid nog erger door de verf, die +zij op zich smeren; haren en baard bedekken ze met rood oker, en als +sieraden droegen ze banden van schelpen om de armen en bloemen in +de haren. + +Behaagzucht schijnt niet in 't bijzonder eigen aan de vrouwen, want +de mannen toonen zich hier niet minder ijdel, en beide geslachten +meenen zich mooi te maken door misvormingen van den neus en de +ooren. De haartooi wisselt af naar den smaak der heeren en dames; +de eenen droegen zeer korte haren, de anderen waren kaal geschoren +en er waren er, die een klein bundeltje hadden laten staan of die het +haar hadden laten groeien en het in een vlecht hadden bijeengebracht. + +Ik heb in hun handen een wapen opgemerkt, dat in 't bijzonder aan +Santo eigen is, een assegaai van ongeveer 2 1/2 M. lengte, van hout; +de bovenkant is belegd met menschenbeenderen over een aanmerkelijke +lengte en het wapen loopt uit in drie beenderen als een drietand. De +wonden die er door worden gemaakt, zijn zeer gevaarlijk, want die +beenderen breken af en blijven in de wond achter, waarvan zij de +genezing tegenhouden. Voor een doosje buskruit kon ik verscheidene +van die wapens koopen. + +Wij maakten ons gereed, om langs de westkust te gaan. Dit deel van het +eiland is bergachtig; de dalen zijn zeer smal en niet vruchtbaar. Er +is veel overeenkomst tusschen deze westkust van het eiland Santo en +de oostkust van Nieuw-Caledonië; sommige mijnontginners hebben dan +ook gehoopt, dat het eiland rijk aan mineralen zou wezen en hebben er +met dat doel onderzoekingen gedaan. Ik geloof niet, dat hun pogingen +met succes bekroond zijn geworden. + +Toen wij te Poussey passeerden, sprak een inboorling ons over een +blanke, die eenige maanden geleden op de kust was ontscheept en er nu +nog aan het graven was. Tot nu toe was het hem nog alleen gelukt, de +inboorlingen te verbazen, die, toen ze zagen, dat hij gewicht hechtte +aan steenen, hem voor een krankzinnige hielden. Het was een zekere +V. een bevrijde gevangene uit Nouméa; hij heeft van zijn tocht niet +veel kostbaar gesteente meegebracht, maar wel veel koortsaanvallen. + +In de buurt van Poussey kwamen ons veel booten tegen, sommige met +varkens, andere met aardvruchten of met suikerriet geladen. Dat punt +aan de kust is een plaats, waar veel inlanders uit het binnenland +samenkomen met die van de Saint-Philippebaai en Poussey. Die laatste +verkoopen, in ruil voor de levensmiddelen, welke hun worden gebracht, +het aardewerk dat zij zelf fabriceeren en dat zij alleen kunnen maken +op het eiland. Het zijn aarden potten van verschillende grootte, +vaak met lijnteekeningen versierd, en vrijwat weerstand biedend aan +de hitte; ze worden voor het koken van het voedsel gebruikt. + +Het scheen mij, dat de inboorlingen van Santo niet zoo laag stonden +als die van de zuidelijker eilanden. Wij kregen te Poussey een man +met zijn vrouw aan boord, die wel naar Nouméa wilden meegaan; maar +zij stelden als voorwaarde, dat ze in hetzelfde huis en op dezelfde +plantage moesten dienen. Ze hielden elkander teeder aan de hand en +schenen ware genegenheid voor elkaâr te koesteren. De positie der +vrouwen scheen hier over 't algemeen beter dan in de andere deelen +van den archipel. + +Buitendien werden de inboorlingen ook intelligenter, hoe verder wij +naar het Noorden van den archipel vorderen; ze kregen meer besef +ook van zedelijkheid en zorgden vooruit voor wat hun materiëel +bestaan kon verbeteren. Zij eten vrij smakelijk, en een van de +door ons aangeworvenen kreeg van zijn vrienden een gerecht cadeau, +in bananenbladeren gewikkeld, dat heel lekker rook en bestond uit +varkensvleesch met aardvruchten en kokosmelk toebereid. Zij gebruikten +het òf met houten vorken òf door er balletjes van te rollen en die +in den mond te steken. + +Ik kreeg een uitnoodiging, om aan het festijn deel te nemen, en +ik proefde het inlandsche gerecht, dat niet kwaad smaakte en zeer +voedzaam moet zijn. + +Onder de inboorlingen, die wij ontmoetten, hadden sommigen een +lichte huidskleur, anderen waren donkerder en allen hadden sterker +krullende haren dan de bewoners der zuidelijker eilanden en vooral van +Erromango. In voorbijgegane eeuwen moeten volken van verschillende +afkomst zich hier neergezet, en hebben zich met de autochthone +bevolking vermengd; dus is het niet verwonderlijk, dat wij vrij sterke +individueele verschillen aantroffen. Maar het gemiddelde type was +niet leelijk; het ras van Santo was sterk en gespierd. + +De vereeniging van de vele bewoners uit verschillende hoeken van het +eiland op de markt te Poussey gaf aanleiding tot feesten en nationale +dansen. Het heeft mij zeer gespeten, dat ik eenige dagen te laat kwam, +want anders had ik een zonderlinge plechtigheid kunnen bijwonen, +eigen alleen aan dit eiland. + +Ofschoon ik het zelf niet heb gezien, kan ik den lust niet weerstaan, +er van te vertellen naar de beschrijving, die de inboorlingen mij +er van hebben gegeven. Het feest wordt geleid door het hoofd van den +stam, welke man rood is gekleurd en met bloemen is behangen. Kleine +speenvarkentjes worden vastgebonden en ingepakt neergelegd op de markt +bij de op den grond gezeten jongelieden. Op een gegeven oogenblik +loopen twee mannen naar de jongelieden toe en moeten blijven staan, om +van ieder een zweepslag te ontvangen. Vaak bedekken zij hun bovenlijf +met schors, om de gevoeligheid der slagen te keeren. Ieder man uit +den stam moet aan de plechtigheid deelnemen. Al dien tijd dansen +en springen vijf of zes inboorlingen op het feestterrein rond, +en op dat oogenblik worden de kleine ingepakte varkentjes hoog in +de lucht opgegooid en moeten op het hoofd der dansers terugvallen, +die ze moeten vangen of oprapen. + +Ik zou graag nog langer te Poussey zijn gebleven, om beter en langer de +zeden dier inboorlingen te kunnen bestudeeren; maar ons werven had er +geen succes. Wij moesten onzen weg dus vervolgen naar kaap Cumberland, +de noordelijkste punt van den archipel. We voeren gemakkelijk er +omheen, liepen in de Saint-Philippebaai binnen en ankerden dichtbij +een rivier, die den naam van "de Jordaan" droeg. Daar had Quiros +zijn Nieuw-Jeruzalem willen stichten, toen hij de eilanden in 1606 +ontdekte. Hij hield processies aan den wal, liet het kruis rondom de +baai voeren en maakte zich gereed om de fondamenten te leggen van +zijn heilige stad, toen zijn metgezellen in opstand kwamen en hem +dwongen naar Spanje terug te keeren. + +Enkele reizigers hebben beweerd, dat de spaansche zeevaarder zijn +plannen wel reeds ten uitvoer had gebracht, dat hij een stad had +gesticht met muren er omheen, waarvan de sporen nog over zouden +zijn. Maar ik vermoed, dat die inlichtingen alleen in het brein +dergenen, die ze heetten te hebben ontvangen, waren ontstaan. Ik heb +herhaaldelijk wandelingen op het eiland gedaan, en ik heb niet het +minste spoor kunnen ontdekken van een oude stad. Bovendien behoeft +men slechts het rapport van Quiros te lezen, om verzekerd te zijn, +dat zijn plan niet werd volvoerd; 't is dus noodelooze moeite naar +sporen te zoeken van iets, dat niet heeft bestaan, en het moet iets +van een tweede gezicht geweest zijn, als er personen geconstateerd +hebben, dat ze muren van Nieuw-Jeruzalem hebben aanschouwd. + +Ik zal niet zeggen, dat de plaats slecht gekozen zou zijn; integendeel +ben ik er van overtuigd, dat een ernstige poging tot kolonisatie in de +Saint-Philippebaai kans van slagen zou hebben. De haven is buitengewoon +ruim en heeft talrijke ankerplaatsen, maar zij is ongelukkig niet +beschut tegen de noordenwinden. Acht rivieren storten zich uit in de +baai en stroomen door diepe, vruchtbare dalen; de kuststrook is met een +weelderigen plantengroei bedekt, en op korten afstand ziet men reeds +velden met humuslagen, die voor allerlei culturen geschikt zouden zijn. + +De bewoners zijn nog al zacht en vreedzaam. De Saint-Philippe baai is +een der weinige plaatsen op de Nieuwe-Hebriden, waar nooit aanvallen +op Europeanen zijn voorgekomen; de inboorlingen komen ons vriendelijk +bezoeken en zijn gelukkig, hun producten te verkoopen tegen kruit +en lood. Zij houden veel van de jacht en zijn buitengewoon behendig +in het dooden van de talrijke wilde eenden, die rondvliegen aan de +oevers van de Jordaan. + +Hier trekken, evenals te Mallicolo, de vrouwen zich de beide voortanden +uit van de bovenkaak; zij dragen geen andere kleeding dan een gordel +om de lendenen. De mannen dragen een band om het middel, waaraan +een vlechtwerk hangt, dat de geslachtsorganen verbergt. De beide +geslachten houden er van, zich het gelaat rood te verven, en enkelen +doorboren zich het tusschenschot van den neus met een stukje koraal. + +De Saint-Philippebaai ligt ten noorden van den archipel der +Nieuwe-Hebriden; dus moeten wij ons wel weer zuidwaarts begeven, om +met de werving op die eilanden voort te gaan, eer we ons tot de groep +der Salomonseilanden wenden. De inlichtingen, die wij op reis hadden +gekregen, gaven ons hoop, dat we op het eiland Aoba talrijke contracten +zouden sluiten; daar, zoo heette het, wenschten de bewoners in Nouméa +te werken, wanneer ze in betaling geweren kregen en ammunitie. Wij +verlieten onze ankerplaats aan de Jordaan, en na kaap Quiros te zijn +omgezeild, wendden wij den steven naar het eiland Aoba. + +De zuidoostenwinden, die hevig bliezen, vertraagden onze vaart, +en ondanks den geringen afstand tusschen Santo en Aoba deden wij er +drie dagen over, eer we op de noordoostkust van laatstgenoemd eiland, +te Naboekiriki, landden. We gingen een kleine baai voorbij, die in +den laatsten tijd op Nieuw-Caledonië zeer bekend was geworden. Daar +woonde namelijk een coprahandelaar van fransche afkomst, de heer M..., +wel bekend te Nouméa; enkele weken geleden was hij door de inboorlingen +vermoord geworden; zijn lijk werd teruggevonden, in den grond begraven. + +Ofschoon zij in beschaving zich boven de andere eilanders verheffen, +en ondanks hun nauwe aanraking met de weer hooger staande Polynesiërs, +hebben de inboorlingen van Aoba toch niet geheel hun bloeddorstige +neigingen overwonnen; ze zijn altijd gevaarlijk en verdienen in +'t geheel geen vertrouwen. + +De bewoners van den oever der zee werpen alle verantwoordelijkheid +voor zulke misdaden op de Kanaken uit het binnenland of van het bosch; +zij zouden bijna van verontwaardiging blozen, als men hen van zulke +wandaden beschuldigde, maar het is toch zaak, ook tegenover hen op +zijn hoede te zijn. + +Toch kan ik geen weerstand bieden van het verlangen, om het dorp +Naboekiriki te bezoeken. Het hoofd van den stam is ons komen zien +en inviteerde ons, om ten hunnent te verschijnen. Eenmaal aan land, +volgden wij een smal pad door het bosch en kwamen weldra op een +open plek, een plein, met hutten eromheen, die goed gebouwd waren, +met matten uitgespreid op den vloer en zonder al te veel rook. In +een hoekje stonden de trommels of liever holle boomstammen, die als +muziekinstrumenten werden gebruikt, maar ze lagen op den grond en +stonden niet overeind, zooals te Mélé. + +Ik zag buiten het dorp een platform; daar troonde het hoofd van den +stam op de dagen van _sinn-sinn_ of groote feestelijkheden; zijn taak +was het, bij die gelegenheden met zijn pijlen de varkens te dooden, +die ieder inwoner moet leveren en die vervolgens worden gebruikt bij +de feestmaaltijden van het volk. + +Dit dorpshoofd ontving ons zeer vriendelijk; ik ontving een +welkomstcadeau van hem, bestaande in een kip en veel bananen; ik +gaf hem daarvoor tabak, een flesch jenever en daar ik wist, dat +geweven stoffen te Aoba zeer op prijs werden gesteld, deed ik er +mijn zijden halsdoek bij, waarmee hij prijken zal op de dagen der +groote plechtigheden. De eenige kleeding van deze menschen bestaat +in een lap katoen tot bedekking van hun naaktheid; als zij daarvoor +geen europeesche weefsels hebben, nemen ze eigen gevlochten matjes, +soms niet zonder smaak gefabriceerd. + +Zooals ik boven zeide, de bewoners van Aoba verschillen vrijwat +van de andere bewoners der Nieuwe Hebriden; dat hangt samen met de +ligging van het eiland, die zeer gunstig voor vreemde immigratie is, +met name van de Samoa-eilanden. In een betrekkelijk nog niet ver +achter ons liggenden tijd moet Aoba Polynesiërs hebben opgenomen, +komend van de naburige eilandengroepen. Die hebben zich vermengd met +de oorspronkelijke bewoners, en zoo is dat bijzondere ras ontstaan, +dat een eigenaardigen lichaamsbouw en eigen gewoonten en zeden +kan aanwijzen. In een groep menschen van de Nieuwe-Hebriden zal ik +altijd de Kanaken uit Aoba kunnen ontdekken aan hun groote gestalte, +hun intelligent gelaat, het niet zeer geaccentueerde prognatisme, +de krullende haren en vooral aan de lichte gelaatskleur. Evenals +de Polynesiërs wonen deze Kanaken niet in kleine dorpen bijeen, +maar vormen groote stammen of volken, wier hoofden eene absolute +heerschappij uitoefenen. Hun taal bevat veel bestanddeelen, die aan de +dialecten van Tahiti, Tonga en Samoa herinneren. Ik zal niet verder +ingaan op de ethnologische verschillen; men zou veel ruimte noodig +hebben, om ze nauwkeurig na te gaan. Maar ik ben blij, Aoba te hebben +bezocht, want op dat eiland heb ik de ingewikkelde quaestie van de +verhuizingen in de Stille Zuidzee kunnen bestudeeren. + +Die vermenging met polynesisch bloed verklaart de groote losheid van +zeden, die dit eiland kenmerkt; de Papoea is namelijk zeer jaloersch +en onttrekt zijn vrouw liefst aan alle onbescheiden blikken; maar de +bewoner van Aoba is niet zoo scrupuleus en aarzelt niet, zijn vrouw +volle vrijheid te laten. De jonge meisjes zijn ook ver van beschroomd +en vluchten niet bij de nadering van een vreemde, zooals op de andere +eilanden; met een lapje rood katoen of een parasol wordt haar deugd +gemakkelijk op zij gezet. + +Ik verliet het dorp Naboekiriki en alle bewoners deden mij uitgeleide +tot op het strand. We liepen een groep jonge vrouwen voorbij, die +in zee hadden gezwommen en zingend naar het dorp terugkeerden; +zij groetten mij lachend en schenen zich vroolijk te maken over +den vreemdeling. + +Een kleine boot wachtte, om mij naar ons schip terug te brengen, +en even later zette de _Lady Saint Aubyn_ naar Walhara koers. + +Daarna gingen wij naar Duin-Dui, waar ik een Kanakeninboorling +ontmoette, die eigendommen had in Queensland. Hij sprak zuiver +Engelsch en had met parelvisscherij in de Torres-straat zich een groot +fortuin verworven. Daarna was hij te Brisbane gaan wonen en had een +Engelsche getrouwd. Hij was nu een paar maanden in zijn geboorteland +komen doorbrengen en was voornemens, spoedig naar Australië terug te +keeren. Zijn voorbeeld toont aan, hoe dit ras zich op kan werken en +pleit voor de intelligentie der bewoners van Aoba. + +Wij passeerden het eiland Aurora, dat kort na ons vertrek een treurige +vermaardheid heeft verkregen door een catastrophe, die schrik +en ontsteltenis verspreide onder de zeevaarders van den Stillen +Oceaan en vooral onder hen, die, als wij, zich met de werving van +arbeidskrachten bezighielden. + +Wij hadden te Port Havannah een jongen Creool van Mauritius ontmoet, +die in den archipel reisde met zijn schip, de _Constantine_, waarop +een fransche kapitein het bevel voerde. Hij liet het anker vallen +vóór de kust van Aurora met het plan, er eenige inboorlingen te huren, +maar de bewoners van het eiland maakten misbruik van het vertrouwen, +dat de Creool in hen stelde, en vermoordden hem en den kapitein met +enkelen der bemanning, terwijl het schip in brand werd gestoken. + +Alle eilanden van de groep der Nieuwe-Hebriden zijn gevaarlijk; er is +er geen enkel, waar men een onbepaald vertrouwen in de inboorlingen +kan stellen. Maar Aurora of Maïro verdient speciaal den slechten naam, +dien het heeft; men moet daar bij uitstek voorzichtig zijn. + +Overigens kan men aan hun gewoonten al gauw merken, met welke soort +van menschen men te doen heeft; als een der Kanaken sterft, is het de +gewoonte een anderen te dooden, om den doode gezelschap te houden; het +is niets ongewoons, dat een moeder haren zoon vraagt om haar te dooden, +ten einde een gestorven dochter niet alleen de reis te laten doen. + +Geen enkele Europeaan hield ten tijde van ons bezoek op Maïro verblijf, +en ik geloof niet, dat er ooit een blanke heeft gewoond. Het gemis +aan veiligheid, de afwezigheid van havens houden vreemde schepen op +een afstand; de bevolking is er echter talrijk en de plantengroei +weelderig; men vindt er vooral veel broodboomen, die er het +hoofdvoedsel leveren evenals op Tahiti. Het eiland is goed besproeid, +en van het dek der boot konden wij watervallen onderscheiden, die +van groote hoogte neervielen en een schilderachtig aanzien aan het +eiland gaven. + +Daarna verlieten wij den archipel der Nieuwe-Hebriden. Met een +gunstigen wind zette ons scheepje koers naar het Noordwesten, en wel +naar de Salomonseilanden, waarvan ongeveer 800 mijlen ons scheidden. + +De archipel der Salomons-eilanden werd door Mendana in 1564 ontdekt, +en sinds dien tijd is hij alleen bezocht geworden in de 18de eeuw +door Surville en d'Entrecasteaux. Ten tijde van zijne expeditie +naar het eiland Vanikoro deed Dumont d'Urville deze eilanden aan; +maar sinds dien tijd is er nooit een fransch oorlogschip verschenen. + +Onze aardrijkskundige litteratuur levert ook in 't geheel geen +documenten over de Salomons-eilanden, al zijn ze belangrijk genoeg +ook uit het oogpunt van den reiziger. Hun oppervlakte is tienmaal +die van Corsica. De grootste eilanden zijn Bougainville, Choiseul, +Isabel, Malaïta, San Cristoval en Guadalcanar; de drie laatste hebben +wij bezocht. + +Het deed ons allen veel genoegen, die zoo weinig bekende streken +te leeren kennen. Honderdmaal had men ons de vijandige gezindheid +der bewoners voor oogen gesteld, hun woeste zeden en hun aanvallen +op Europeanen. + +Welk vertrouwen verdienden die verhalen? Zullen wij ook van dergelijke +aanvallen te lijden hebben. De uitkomst zou ons dat alles precies +leeren. + +Den 30_sten_ September, tegen acht uur's morgens, werd dus het land +met vreugde begroet, en onze oogen trachtten het kleine stipje te +herkennen, dat alleen een zeer doordringend oog kon onderscheiden. + +Wij naderden de kust bij de oostpunt van de zuidkust op het eiland +San-Cristoval. + +Maar weldra ging de wind liggen; wij konden niet voort, en eerst om +drie uur in den namiddag konden wij er aan denken, aan land te gaan, +terwijl ons schip, daar er geen haven was, op twee mijlen afstands +van de kust moest blijven. + +De beide bij ons schip behoorende booten werden meegenomen, en ik nam +er in plaats met de wapens en de ammunitie, om ons te verdedigen, en +met de ruilwaren en geschenken, die voor ons de inboorlingen gunstig +moeten stemmen. + +Wij wendden ons naar het dorp Makira, waarvan de hutten, aan het +strand gelegen, aardig tegen het groen uitkwamen en veel geleken op +groote bijenkorven. Zij werden overschaduwd door tal van kokospalmen +en stonden te midden van een weelderigen plantengroei, herinnerend +aan dien der tropische landen. Geen duimbreed gronds, of er hadden +zich planten ontwikkeld, en er waren hier en daar dichte bosschen +verrezen, waarin licht en lucht slechts met moeite doordrongen. + +Onze beide bootjes bleven bijeen, om elkander zoo noodig wederkeerig te +beschermen; dat was een eisch van voorzichtigheid, want een verrassing +of plotselinge aanval van de zijde der inboorlingen behoorde niet tot +de onmogelijkheden. Op eenige meters afstands van het dorp zagen wij +de inboorlingen ons te gemoet komen, allen gewapend met assegaaien, +knotsen en andere wapens, zoo niet tot den aanval, dan toch ter +verdediging geschikt, want zij kenden ook onze bedoelingen niet. + +Er werd een gesprek aangeknoopt. Onze hoedanigheid van Franschen en +onze komst uit Nouméa scheen de bewoners niet af te schrikken, dus +hebben onze voorgangers er geen slechten indruk achtergelaten. Zoodra +ze waren gerustgesteld, naderden ze ons; ze vroegen om 't hardst om +tabak, pijpen en lucifers, en hun geestdrift steeg ten top, toen wij +hun een geweer en patronen gaven en dat beloofden aan elken inboorling, +die te Nouméa wilde komen werken. Dadelijk verklaarden twee sterke, +jonge mannen zich bereid om te vertrekken, en zonder op de smeekingen +en vertoogen van hunne vrienden te letten, klommen ze in de boot en +plantten zich op de achterbank. + +De tegenwerpingen van de ouders zonken in het niet voor de betaling, +die voor beide verbintenissen werd uitgekeerd; wij gaven hun een +Snidergeweer, 20 patronen, 1 K.G. tabak, 20 pijpen, 20 doosjes +lucifers, een groot mes en eenig glaswerk, alles misschien ter waarde +van ongeveer 30 francs. + +Ik kon op mijn gemak deze inboorlingen bekijken, die om ons heen +drongen, begeerig om ons wat te verkoopen, armbanden, wapens e.d. In +enkele minuten deed ik voor een zeer bescheiden sommetje den aankoop +van vele ethnographisch interessante voorwerpen, die een plaats +zullen erlangen in 't museum op het Trocadéro. Ik wachtte tot ik weer +aan boord zou zijn, om ze te rangschikken en te onderzoeken wat ze +mij zouden kunnen leeren over het karakter van dit ras, dat mij op +het eerste gezicht uit verschillende elementen scheen samengesteld, +goed van elkander te onderscheiden door kleur, vooruitsteken van de +wangbeenderen en soort van haar. + +Dadelijk bij onze nadering had mij het groote aantal vrouwen en +kinderen getroffen, dat op ons was komen toeloopen en ons met +nieuwsgierige blikken bekeek; het was een goed voorteeken, want +in geval van vijandige bedoelingen zouden de mannen, om vrijer in +hunne bewegingen te zijn, wel hun gezinnen op den achtergrond hebben +gehouden. + +Die vrouwen kwamen geheel naakt op het strand; ze hadden zelfs niet het +vijgenblaadje, dat Eva beroemd heeft gemaakt; ze waren slank gebouwd, +en het ontbrak haar niet aan een zekere gratie. Het onbescheiden +kijken van de vreemdelingen scheen haar niet te verontrusten en ook +niet de jaloezie der mannen gaande te maken. + +Zij vroegen vrijmoedig om tabak, en er waren een paar tandelooze +oudjes, die een stompje pijp in den mond hadden, 't welk bij gebrek +aan voedsel lang had gerust. Deze kust wordt zeer zelden door vreemde +schepen aangedaan, en europeesche waren zijn er schaarsch. + +Het was een wedstrijd, wie van haar het snelst haar parelmoeren +armbanden en oorringen of neusversierselen zou afdoen, om ze af te +staan tegen een doosje lucifers, een pakje tabak of een halssieraad +van koralen. De katoenen of andere geweven stoffen hadden hier in +'t geheel geen waarde; die zijn overbodige luxe voor de schoonen van +de Salomonseilanden. + +De sympathieke ontvangst, die wij genoten, haalde ons over, uit de +booten te stappen en het dorp van dichterbij te bezien. Het lag eenige +meters van het strand verwijderd, en op den rug van een inboorling +gezeten, zette ik voor de eerste maal den voet op den grond der +Salomons-eilanden, of eigenlijk raakte mijn voet eerst later den +grond. In betaling gaf ik mijn drager een patroon en nam hem als +gids aan. + +De huizen stonden achter elkander tegen een heuvelhelling aan, die +tot het strand doorliep. Om er te komen, moesten wij over groote +boomstammen springen, die door den storm gevallen waren, en die door +de zorgeloosheid der inboorlingen maar op den weg waren blijven +liggen. Overal stonden verder reuzenboomen, die diepe schaduwen +wierpen over de lage, primitieve hutten. Men behoeft geen bekwaam +bouwmeester te zijn, om in een oogenblik zoo'n huis te verwaardigen, +waarin deze menschen wonen met heel hun gezin en hun honden en +varkens. Eenige bamboestaken, dicht aaneen in den grond gestoken en +door lianen aaneengebonden, een paar palen nog om het stroodak te +steunen, een opening aan elken kant en 't huis is gereed; de grond +zelf dient als vloer, een paar steenen als vuurhaard, dorre bladeren +als familielegersteden. In den eenen hoek lagen wapens, in een anderen +houten drinknappen en eenige matten, dat was alle meubileering. Een +deur ontbrak, er was niets te halen voor dieven. + +Met de grootste vriendelijkheid lieten de inboorlingen mij binnen in +hunne huizen, en ze zouden het zelfs onvriendelijk hebben gevonden, +als ik aan hunne uitnoodiging geen gevolg had gegeven. Zij schenen +mij iets beters te verdienen dan hun slechten naam, en voorwaar, +toen ik in een der hutten was, om naar een zeldzaam wapen te kijken, +zou het hun niet moeilijk zijn gevallen mij het leven te benemen. + +Daar het al laat was, konden wij niet lang te Makira blijven, en zoo +groot en vast was ons vertrouwen nog niet, dat wij den nacht aan den +wal durfden doorbrengen. Begeleid door de geheele bevolking, mannen +vrouwen en kinderen, bereikten wij weer onze booten, die aan de hoede +van enkele matrozen waren overgelaten geweest, en een half uur later +waren we aan boord van de _Lady Saint Aubyn_ terug. Verrukt over ons +eerste uitstapje en rijk voorzien van ethnographica, namen wij ons +voor, zoo dikwijls het ons mogelijk zou wezen, aan land te gaan. + +Maar ik was nog niet lang aan boord terug, of ik bespeurde, dat +eerlijkheid geen hoofddeugd van deze primitieve wilden was; en de +verdwijning van mijn revolver en mijn patronenkoker waarschuwde mij, +dat ik voortaan beter het oog zou hebben te houden op hun lange +vingers. De talrijke assegaaien, die ik had meegebracht, stelden mij +niet schadeloos voor het verlies van mijn eigen wapen; maar sommige +ervan waren mooi, wel vier meter lang en uitloopend in punten van been +of van ijzer. De behendigheid in het werpen is bij deze inboorlingen +verbazingwekkend; op een dertigtal meters afstands missen zij nooit +het doel, dat zij zich hebben gesteld. + +Wij verlieten dien nacht de kust en wendden ons naar het eiland Santa +Anna ten zuiden van San Cristoval; wij meenden er een tolk te zoeken, +want zoo iemand kunnen wij niet missen bij onzen arbeid van de werving. + +Den volgenden morgen tegen zes uur in den morgen lieten wij, na om +kaap Surville heengevaren te zijn, het anker vallen te Uaah, dat is de +inlandsche naam van Santa Anna. Dadelijk stak er een boot van wal en +voer op ons af, zij bracht het hoofd May naar ons over, een man, die +bij de kooplieden welbekend is en die zeer gevreesd is bij de stammen, +naar wier dorpen het hem behaagt, zijn oorlogsbooten te zenden. Zijn +oorlogzuchtige bedoelingen waren algemeen bekend en zij brachten +hem later veel geschenken in vanwege de hoofden der dorpen, die wij +langs de kust van San Cristoval bezochten. Hij bood ons namelijk zijn +diensten aan als loods en tolk, en wij namen die zonder aarzeling aan. + +Hij inviteerde ons, om zijn dorp te bezoeken en bood ons een plaats +aan in zijn wankel bootje; maar wij gaven er de voorkeur aan, in +de boot van ons schip te gaan, en deze zette ons spoedig aan het +strand af in een zandige kleine baai. Nauwelijks aangekomen, werden +wij bezocht door een van die geïsoleerde Europeanen op de eilanden +van de Stille Zuidzee, die zich zelfs niet meer de plaats hunner +geboorte herinneren, en die in hun avontuurlijk leven alle eilanden +zoowat hebben bezocht. 't Was de heer F., een in Finland geboren Rus; +hij woont al sinds een tiental jaren op de Salomons-eilanden en wordt +er niet bepaald rijk door den coprahandel. + +Hij woont er vrij goed in een houten huis met een veranda eromheen, +dat hij aardig heeft ingericht en versierd met allerlei inlandsche +wapens en veel cosmopolitische chromolithografieën; hij heeft zelfs, +wat in dat land het toppunt van deftigheid vertegenwoordigt, een +franschen kok. + +Maar het schijnt dat die landgenoot er niet naar verlangt, kennis +met ons te maken; ik begrijp zijn aarzeling, toen hij eindelijk +besloot, zijne opwachting te maken. Wij ontdekten in hem al spoedig +een strafgevangene, ontsnapt uit Nieuw-Caledonië. Enkele maanden +tevoren waren drie misdadigers ontvlucht uit de zuiderbaai met een +klein scheepje, dat hen naar de Loyalty-eilanden had gebracht, een +dépendance van onze kolonie. Daar zij meenden, in een onafhankelijken +archipel te zijn aangeland, gingen zij vol vertrouwen aan wal, +maar ze werden gevangen genomen en voor den administrateur dezer +eilanden gebracht. Ze wisten echter opnieuw te ontkomen, en, dezen +keer gelukkiger terechtkomend, deden ze het eiland Guadalcanar aan, +na een lastigen overtocht. Zij deden zich voor als schipbreukelingen +van een fransch schip op weg naar Batavia en werden door de blanken +van de Salomons-eilanden goed opgenomen. Ik meende den Rus van Santa +Anna maar niet nader te moeten inlichten omtrent de herkomst van +zijn kok. Moge deze zich een nieuwe levensbladzijde van maagdelijke +moraliteit hebben omgeslagen en aldus zijn vroegere fouten boeten. + +Ons bezoek bij den heer F... was van korten duur; ik haastte mij om een +toertje te gaan maken in het inlandsche dorp en daar enkele gegevens te +verzamelen. Wij konden er onbeschroomd binnengaan en ons vrij onder de +Kanaken bewegen; Santa Anna is het beschaafdste eiland van de groep, +en kapitein Mac Donald, een ervaren reiziger uit den Stillen Oceaan, +heeft er lang gewoond, zonder ooit aan gevaar te zijn blootgesteld. + +Onze aankomst werd met een groot geschreeuw begroet; de mannen liepen +ons tegemoet, terwijl de vrouwen zich beschroomd en angstig achter +in de hutten verscholen en niet voor den dag durfden komen. + +De mannen waren vriendelijker; zij liepen met ons mee en brachten ons +dadelijk in de hut, waar de oorlogsbooten lagen. Dat huisje was het +belangrijkste monument van het geheele eiland; de inboorlingen waren +er trotsch op en wilden er gaarne de honneurs van waarnemen voor de +vreemdelingen. Het ongeveer 4 M. hooge huis werd gesteund op palen +van beeldhouwwerk, die dieren en menschen moesten verbeelden. + +Het is de karakteristieke eigenaardigheid van de inboorlingen van Santa +Anna, dat zij knap zijn in het maken van booten; men kan het eiland de +scheepswerf noemen van den geheelen archipel. Wij zagen er de echte +oorlogsjonk van wel 7 à 8 M. lengte, waar 60 à 70 roeiers plaats in +vinden; een speciale zitplaats is achterin de boot bestemd voor den +leider, die het gevecht regelt. De booten hebben geen steunbladen, +zooals de booten der inboorlingen van de Nieuwe-Hebriden en van +Nieuw-Caledonië vertoonen. + +De vaartuigen hier waren met parelmoer ingelegd, aan beide +uiteinden omhooggebogen en van teekeningen voorzien; aan de randen +waren gebeeldhouwde dieren aangebracht, als honden en vogels; +tusschen bloemguirlanden; de stevigheid is buitengewoon groot en de +zeewaardigheid voldoende, om te maken, dat de inboorlingen er 50 à +60 mijlen mee kunnen roeien, want van zeilen maken ze nooit gebruik. + +Het gebouw, waarin de booten werden bewaard, stond onder de bescherming +van een godheid, aan wie een menschenleven wordt geofferd telkens +als er een nieuwe oorlogsboot van stapel loopt. Ook is er een boot +speciaal voor den god bestemd, en in een hoek stonden artikelen, +als huisraad en allerlei vazen, te zijnen gebruike. Nooit willen de +inboorlingen een dier voorwerpen afstaan, hoe hoog de prijs ook zij, +die hun ervoor wordt geboden, en ze zouden den vreemdeling niet sparen, +die het mocht willen wagen, met hun vooroordeelen en hun bijgeloof +te spotten. + +Het bezoek aan het dorp Santa Anna hield ons den geheelen morgen +bezig. Op den middag verlieten wij het eiland, om ons naar de +noordkust van het eiland San Cristoval te begeven. May vergezelde ons +en diende ons tot loods, om ons de haven Fanariki te helpen bereiken; +wij hoopten er den volgenden morgen vroeg aan te komen. + +Gedurende den korten overtocht kon ik een algemeen overzicht krijgen +van de eilanden, die het zuidelijk gedeelte van den archipel uitmaken; +Malaïta, San Cristoval, Hougué, Santa Catalina en Santa Anna kwamen +duidelijk uit, en we konden alle goed herkennen. + +De duur van een nacht was voldoende, om de weinige mijlen af te +leggen die ons van Fanariki scheidden. Zoodra de _Lady Saint Aubyn_ +voor anker lag, gingen wij aan land, om een bezoek te brengen aan +het dorpshoofd, dat den naam van Quarter droeg. Allereerst was het +bij de recruteering noodig, dat wij de goede gezindheid verwierven +van de hoofden. Zij hebben een onbeperkt gezag en besluiten niet om +een inboorling te laten vertrekken, als ze niet eerst veel geschenken +hebben ontvangen en veel drank hebben genoten. Toen dan ook Quarter van +onzen kapitein een flesch jenever en een prachtig Lefaucheux-geweer had +ontvangen, beloofde hij ons zijne medewerking en verzekerde ons, dat +wij veel verbintenissen zouden kunnen aangaan op zijn grondgebied. Dat +laatste beteekent trouwens nog niet veel bij deze koninkjes van de +Salomons-eilanden. De inboorlingen vormen namelijk kleine verspreide +groepen, en het gezag van een inboorling en hoofd reikt niet verder +dan eenige mijlen van de plaats, waar hij woont. + +Quarter aarzelde dan ook, ondanks zijn groot gezag in eigen dorp, +den voet te zetten op het terrein zijner buren; hij heeft altijd zoo +een en ander op zijn geweten, en hij is niet gemakkelijk tegenover +de bevolking om hem heen. May, onze loods en Quarter, onze gast, +zijn twee beroemde jagers op menschen; zij begrijpen elkander en +zijn vereenigd in een vriendschap, die bevestigd is door veel samen +vergoten menschenbloed. + +De onderdanen van Quarter zijn volstrekt niet veilig, en hij beschikt +naar willekeur over leven en goed der zijnen. Hij wou ons zelfs wel +eens toonen, hoe weinig hij geeft om een menschenleven meer of minder, +en hij zou niet aarzelen, te onzer eer een paar zijner landgenooten +te offeren. Maar wij haastten ons hem te zeggen, dat we hem op zijn +woord geloofden, en dat we heelemaal geen bewijzen voor zijn bewering +verlangden. + +Intusschen was zijn houding tegenover Europeanen welwillend, en dank +zij zijne bescherming, konden wij in alle gerustheid de omstreken +van het dorp bezoeken. + +We zagen bij die gelegenheid ook de aanplantingen van de inboorlingen +op de helling der bergen. De Kanaken of liever hun vrouwen ontbosschen +het terrein door verbranding en planten er daarna hun aardvruchten. Zij +eten die taro's en buitendien veel bananen, hun hoofdvoedsel, dat +zij zoowel gekookt als rauw tot zich nemen. + +Toen we die plantages hadden bekeken, liepen wij die gedeelten van +het bosch in, waar de bijl van den mensch nog nooit had gekapt; wij +konden oordeelen over de vruchtbaarheid van den grond en bemerken, +hoeveel voordeelen die zou kunnen opleveren, als ervaren landbouwers +er aan het werk gingen. Onder de reuzenboomen, die men overal ziet, +ligt een dikke humuslaag, waaruit bij de warmte en de vochtigheid +vaak schadelijke dampen opstijgen; maar als er meer licht en meer +lucht in die bosschen werd toegelaten, zou het land gezonder worden +en de grond zou er niet minder vruchtbaar om zijn. + +Op onze wandeling ontmoetten wij eene groep jonge vrouwen, die gebukt +gingen onder den oogst van bananen, voor Fanariki bestemd; zij liepen +onder toezicht van een inboorling. Hoewel haar levenswijze niet maakt, +dat haar schoonheid lang bewaard blijft, zag ik er toch onder, die +er aardig uitzagen, en ze zouden zelfs mooi kunnen heeten, als ze +niet tot allerlei dwaze ontsieringen waren overgegaan. + +Een van haar had het tusschenschot van den neus doorboord en had er een +ring van schildpad aan gehangen; eene andere had het oorlelletje zoo +uitgerekt, dat zij er een houten blokje of schijfje had kunnen insteken +van 0.05 M. middellijn. Men ziet het, de behaagzucht is nergens de +wereld uit. De dames hadden regelmatige trekken, zijdeachtige, niet +gekroesde haren als bij negerinnen, en ze waren goed geproportionneerd. + +Zoo kwamen wij terug in Fanariki. In onze afwezigheid hadden de onzen +veel succes gehad met het werven; vijf inboorlingen gingen mee op ons +schip, namelijk Sohima, Toro, Tarimbanne, Tagaro en Soemanson. Zij +vonden het aardig, te gaan naar een land van blanken, en onbewust +zullen zij meehelpen tot den vooruitgang van de fransche kolonisatie +in Nieuw-Caledonië. Het waren knappe, sterke, jonge mannen tusschen +18 en 22 jaar; hen trokken de zucht naar het onbekende en de zin +voor avonturen, en zij moeten moed hebben, om weg te gaan, want +in hun verbeelding zien ze niet alleen wonderen, maar wel degelijk +ook gevaren. + +Er wordt gewoonlijk beweerd, dat zij gaan op bevel hunner hoofden of +van hun ouders; maar dat is een vergissing; zij moeten integendeel +meestal den tegenstand van de ouders overwinnen en den onwil van hun +hoofden, die het volstrekt niet prettig vinden, het aantal hunner +strijders te zien verminderen. + +Door velerlei geschenken moeten wij de smart der scheiding +verzachten. Maar zoodra het schip de kust verliet, werden we met +geschreeuw uitgeleid, en ik heb wel jonge meisjes zwemmend onze boot +zien volgen en pogingen zien aanwenden, om door waarschuwingen en +gebeden den broeder terug te houden, die haar misschien voor altijd +ging verlaten. + +Wij vervolgden onzen weg naar de Wannoni-baai, De pas ingescheepte +Kanaken verzochten mij, of ik hen op mijn register wilde +inschrijven. Ze wisten, dat die plechtige formaliteit onmisbaar is, +als hun contract geldig zal zijn. Het is in hun belang, als de plaats +hunner geboorte staat opgeschreven en de duur van hun contract, opdat +men hen, als het tijd is, naar huis kunne terugbrengen, namelijk als +de drie jaren, waarvoor ze zich verbinden, om zijn. + +Ik liet hun een volledig stel kleederen geven en een deken; hoewel +ze een lange reis gingen ondernemen, was er geen sprake van bagage, +en naakt als wormen trokken ze uit hun dorp weg. Toch zag ik nog, +dat ze allen een heel klein gevlochten zakje droegen, en door +nieuwsgierigheid gedreven, zag ik na, wat er in was. Het bevatte een +beschilderd bamboekokertje met de ingrediënten voor het sirih-kauwen, +een paar arekanoten dus, wat tabak en betelbladeren. Ze doen allen +aan het betel- of sirih-kauwen, deze inboorlingen, en de gewoonte moet +door de Maleiers er zijn ingevoerd. Dit is niet het eenige bewijs van +maleischen invloed; men vindt, uit anthropologisch en ethnographisch +oogpunt kijkend, er nog zeer veel sporen van. + +Wij kwamen te Wannoni aan en ankerden in een ruime baai, tegen +de heerschende zuidoostenwinden beschut. De inlichtingen, die wij +hadden ingewonnen, leerden ons, dat dit deel der kust zeer bevolkt +was, en dat de inboorlingen uit het binnenland er dikwijls kwamen +handel drijven. Wij zouden dus die menschen uit de wildernis kunnen +aanschouwen, die aanmerkelijk verschillen van de kustbewoners. + +Ik geef aan elken zeevaarder, die deze eilanden bezoekt, den raad, de +Wannoni-baai niet voorbij te gaan; hij zal er in overvloed zoet water +kunnen innemen uit twee groote rivieren, die in de baai uitloopen, +en als het noodig is kan hij van de inboorlingen proviand koopen, als +bananen, suikerriet, aardvruchten en varkens. Wij bereikten een dorp, +dat ongeveer 500 inwoners had. De huizen waren gelegen op de oevers +van één der rivieren, en wij hielden gemeenschap met de overzijde +door onze bootjes; de inboorlingen waren nog niet zoo slim geweest, +om de noodzakelijkheid van een brug in te zien. + +Wij ontmoetten vrouwen aan hare huiselijke bezigheden, bananen +bereidend voor den avondmaaltijd, of visch schoonmakend, en bereikten +weldra het voornaamste huis uit het dorp. Bij elken stam heeft men een +gemeenschappelijk huis, dat tot plaats van samenkomst dient voor het +mannelijk deel der bevolking; de vrouwen mogen er niet binnenkomen, +omdat haar maatschappelijke rang te laag is, dan dat zij een woordje +zouden mogen meespreken bij de discussies van haar echtgenooten. + +Op het platform vóór de hut stonden de mannen dan ook druk te praten +over het mooie weêr en de lange dagen en vertelden elkander, wat ze +hadden gezien op hun reizen naar Queensland en Nieuw-Caledonië en de +Samoa-eilanden. Ze besloten er ook tot komende oorlogsexpedities en +kozen de plaatsen uit, die van de kusten in de buurt in aanmerking +kwamen voor het zenden van oorlogsbooten. + +Onze komst wekte de algemeene nieuwsgierigheid, en, getrouw aan de +algemeene bedelachtigheid, begonnen ook zij te vragen naar pijpen en +naar tabak. Ik heb tot principe aangenomen, nooit eenig geschenk te +geven, waarvoor geen wederdienst wordt bewezen. Eén van hen verdween +uit de groep, om uit zijn huis een prachtigen boog met pijlen te +halen, en na lange onderhandelingen gaf ik hem er tien rollen tabak +voor in betaling. De boog was werkelijk mooi en artistiek gemaakt; +hij was aan de rugzijde met parelmoer ingelegd en was gespannen met +een zeer stevig koord van gevlochten lianenvezels; zoo'n boog heb ik +op mijn latere omzwervingen nergens meer aangetroffen, en het museum +op het Trocadéro zal met dit eenig exemplaar worden verrijkt. + +De inboorling, die hem mij verkocht, beweerde hem te hebben gekocht +van een inboorling uit Malaïta; maar ik vrees, dat dit niet waar +is en dat het alleen gezegd wordt, om de waarde van het voorwerp +te verhoogen. Deze eilandbewoners gaan immers juist door voor de +handigste en bekwaamste. + +Ik kon ook een stuk beeldhouwwerk van hout bemachtigen boven van +een huis; en ik kocht andere ethnografische voorwerpen, als vazen, +borden en ander houten huisraad. + +Zooals ieder europeesche natie haar eigen oorlogswapen heeft en +een veelgebruikt soort van geweer, zoo vindt men op de groep der +Salomons-eilanden knotsen van verschillende soort; ieder eiland heeft +er zijn eigene, door de inboorlingen in aanval en in verweer nog liever +gebruikt dan de assegaai, waarmee ze zoo uiterst behendig werpen. + +De knots van San Cristoval is van zeer hard hout, en heeft den vorm van +een sikkel van soms wel 1.50 M. lengte. Het is een geducht wapen in de +handen der inboorlingen, en vaak heeft het hun gediend, om Europeanen +uit den weg te ruimen. Wie er een slag mee heeft ontvangen staat niet +weer op. + +Bij gelegenheid van ons bezoek aan het dorp in de Wannoni-baai deden +wij een uitstapje in het binnenland en voeren een eind de rivier op; +wij kwamen daarbij ook weer in bosschen, nog niet door menschenhanden +aangeraakt. Er waren veel vogels, en hun gekweel was de eenige +verlevendiging der eenzaamheid; als de inboorlingen er door gaan, +houden ze zich zoo stil mogelijk, en trachten hun aanwezigheid te +verbergen, uit vrees dat een achter een boom verscholen vijand hen +onverhoeds mocht aanvallen en hen berooven van het weinige, dat zij +bij zich dragen. + +Warmte en vocht zijn de beste hulpmiddelen voor de ontwikkeling van den +plantengroei, en die worden op de Salomons-eilanden aangetroffen. Zoo +konden wij op die wandeling langs de smalle boschpaden reuzenboomen +bewonderen, waaronder veel bananen met groote luchtwortels. Kokospalmen +waren er niet veel, die bleven meestal tot het strand beperkt; ze +waren minder algemeen dan op de Nieuwe-Hebriden en de Fidsji-eilanden, +en de coprahandel, de verkoop van het gedroogde kokosnotenvleesch, +is veel minder algemeen hier dan in beide genoemde archipels. + +Maar daarentegen komt hier de boom voor, die plantaardig ivoor levert; +het is ook een palmsoort, die den wetenschappelijken naam _Phytelephas +macrocarpus_ draagt en een eigenaardig voorkomen heeft. De bladeren +zitten laag, bijna op den grond en komen voort uit een lagen stronk, +die een weinig op een cactusplant gelijkt. Hij brengt zaden voort, die +vóór ze rijp zijn, een waterig vocht bevatten, dat later melkachtig +van kleur en consistentie wordt en eindelijk een witte kleverige +massa vormt. Is het zaad, dat de grootte van een dikke kastanje heeft, +volkomen rijp, dan is die massa hard geworden als ivoor en lijkt daar +ook precies op. Daar die stof veel duurder is, wordt het plantaardig +ivoor er dikwijls voor gebruikt; men maakt er sieraden van en voert +de stof in groote hoeveelheid uit van de Salomonseilanden; er wordt +200 francs voor een ton betaald. + +Aan de beide rivieroevers vonden wij telkens sporen van kaaimans; +die dieren krioelen in de wateren van den archipel, maar ze worden +bijna nooit buitgemaakt, altijd zijn ze den inboorlingen te slim af. + +Wij hadden geen enkelen inboorling gezien en kregen van dat +verschijnsel de verklaring, toen wij in Wannoni terugkwamen en +daar hoorden, dat er oorlog was tusschen hen en de stammen in het +binnenland. + +De aanleiding tot die onderlinge gevechten der naburige stammen is +soms de behoefte aan slaven, dan weer de roof eener vrouw, die als +een moderne Helena een oorlog van Troje teweegbrengt. + +Maar ten tijde van onze komst was men bereid, een wapenstilstand af te +kondigen tusschen de beide oorlogvoerende partijen. De inboorlingen +van de kust wilden wel toestaan, dat die uit de wildernis met ons +handel kwamen drijven. Eenige dagen later werd ons dan ook de komst +aangekondigd van de boschmenschen, op de aangeduide plaats verschenen, +op neutraal terrein aan de baai. Zij waren driehonderd in getal, +mannen van elken leeftijd en vrouwen en kinderen. + +Wij gingen aan wal, om de onderhandelingen te beginnen; pas hadden +we elkander begroet, of vier jonge mannen sprongen in onze boot en +ondanks de smeekingen van hun vrienden verklaarden zij zich bereid, +mee naar Nouméa te gaan. De betaling geschiedde terstond, maar daar +er meer inboorlingen lust hadden, met ons te gaan, begonnen ze heftig +tegen elkander uit te varen, en wij waren genoodzaakt, maar gauw +aan boord terug te gaan. Het was gelukkig, dat een tweede gewapende +boot bij ons was, om de menschen aan het strand in bedwang te houden, +anders zou het ons moeite hebben gekost, de _Lady Saint Aubyn_ weer +te bereiken, zonder door assegaaien te worden geraakt. + +We spoedden ons haastig van daar weg en ankerden een paar dagen later +in de Paola-baai bij Tavaro, de plaats, waar de inboorlingen van het +noordelijk deel der kust veel samenkomen, omdat men er beschut is +tegen de heerschende zuidoostenwinden, en men er gemakkelijk zoet +water kan krijgen uit een breede, snelstroomende rivier. + +Nadat we te Tavaro een paar contracten hadden afgesloten, begaven +wij ons naar het eiland Hougué en zouden daarna varen langs het +eiland Malaïta. + +Door gunstigen wind gedreven, naderden wij weldra Hougué, herkenbaar +aan zijn ronde gedaante, als een rond stuk koraal op de zee +neergelegd. Het is een laag eiland met een weelderigen plantengroei, +waaronder de inlandsche hutten aan het strand zich verbergen. + +Er wonen ongeveer 800 inboorlingen, echte zeeroovers, wel beveiligd +tegen vreemde invallen, omdat ze zelf herhaaldelijk de anderen +bedreigen. Ook hier leefde een uit Nieuw-Caledonië ontvluchte +Franschman onder de Kanaken en deelde in hun leven; hij heeft het +niet noodig geacht, ons met een bezoek te vereeren, maar hij is sedert +dien al weer opgepakt en in de gevangenis van Nouméa teruggegebracht. + +Wij zetten onzen weg voort, en al spoedig kwam het eiland Malaïta in +het gezicht. Er zijn weinig eilanden in de Stille Zuidzee, zoo bekend +als Malaïta. Het gaat voor het gevaarlijkste van de Salomonseilanden +door, waar de aanvallen op blanken het talrijkst zijn. Toen wij er +waren, sprak men nog van een onlangs voorgevallen catastrophe, die +schrik had verspreid onder de blanken in de buurt. Een klein schip +was de oostkust genaderd boven Port-Adam en was door de inboorlingen +aangevallen; de kapitein en de stuurman waren gedood en het scheepje +was verbrand, na geplunderd te zijn. + +Er moest met de uiterste voorzichtigheid worden opgetreden bij de +onderhandelingen, en wij namen aan boord alle mogelijke voorzorgen. + +Maar niet alle plekjes op Malaïta zijn even gevaarlijk. Port-Adam, onze +eerste aanlegplaats, had vroeger een treurige reputatie, maar sedert +eenige jaren is het aan de engelsche zendelingen gelukt, er eenige +vermaners of leermeesters te plaatsen, en de geest der inboorlingen +is daardoor wezenlijk beter geworden, zoodat vreemdelingen er nu niet +meer zooveel gevaar loopen. + +Zoo konden wij dus hier leeren kennen de Kanaken, nadat ze een +zeer licht tintje van beschaving hebben opgedaan en niet meer die +woestheid vertoonen, die zoo kenmerkend is voor het ras. De huizen +waren hier beter ingericht dan bij de echte heidenen; we vonden er +enkele europeesche waren en een paar godsdienstige boeken, in de taal +van het land overgebracht. + +Uit Port-Adam krijgt men gewoonlijk de tolken, die bij de werving +niet mogen ontbreken. Hoewel ze tot één archipel behooren, hebben +de bewoners van bijna alle eilanden een eigen dialect, dat op +een naburig eiland niet wordt verstaan, en soms wordt er zelfs een +verschillende taal gesproken in dorpen, die 60 à 70 K.M. van elkander +zijn verwijderd. Er is wel veel overeenkomst tusschen de verschillende +talen; als men een weinig op de hoogte is van het oceanische idioom, +bemerkt men spoedig, dat het alles dialecten zijn van de papoea-branche +der maleisch-polynesische talen. + +Toch kunnen een inboorling van San Cristoval en een van Malaïta +elkander niet verstaan of begrijpen; daar heb ik meermalen voorbeelden +van gezien. + +Port-Adam is de beste haven van Malaïta, gelegen aan een lagune, +waardoor men gemakkelijk met niet te groote schepen van den eenen +naar den anderen kant van het eiland kan komen. + +Wij volgden na Port-Adam de westkust van Malaïta naar Pioe, en onderweg +werden allerlei plaatsen aangedaan, waar we talrijke inlichtingen +konden krijgen over de inboorlingen en over de fauna en de flora van +dit eiland. Het is het minst bekende van de geheele groep, het eenige +ook, waar nooit een Europeaan aan den wal heeft vertoefd. + +Wij vonden er den broodboom en den amandel, den arecapalm, allerlei +lianen, veel Rubiaceeën en Orchideeën; de _Hibiscus_ groeit er +in overvloed en, evenals de Olijf in oude tijden, is hij een +vredessymbool. + +Maar de fauna is minder rijk dan de flora; er waren bijna geen dieren +op het eiland. Soms brachten de inboorlingen ons een paar magere +kippen, die onzen kok tot wanhoop brachten, en dan weer kregen wij +eieren, driemaal zoo groot als gewone; die moeten worden gelegd door +een zeer kleine kip, welke ze in het zand legt en ze onder den invloed +der zonnestralen laat uitbroeden. Ondanks mijn ijverig zoeken heb +ik geen dier vogels kunnen bemachtigen; maar ik heb te dikwijls hun +eieren geproefd, die ik niemand kan aanbevelen. + +Koning op dit eiland is het varken; men koopt een vrouw voor tien +varkens; met een varken betaalt men het contract van een inboorling, +en overspel zoowel als moord en alle andere zonden, worden geboet +door de aanbieding van één of meer varkens aan het hoofd van den stam. + +Zij vormen echter niet het eenige ruilmiddel. Wij zagen vaak +vrouwen en mannen, versierd met halssieraden van hondentanden, die +ze tot geen prijs wilden afstaan; die tanden vormen de inlandsche +muntstukken. Maar slechts twee tanden hebben waarde, dat zijn die, +welke onmiddellijk aan de kiezen of maaltanden aansluiten; de andere +dienen alleen tot sieraad. + +De westkust van het eiland was dicht bevolkt, en de dorpen lagen er +idyllisch in de schaduw van kokospalmen; het zou moeilijk zijn, ook +maar bij benadering de geheele bevolking van het eiland op te geven, +maar zeker is het, dat er nog meer menschen in het binnenland wonen +dan aan de kust. + +Het gezag van een inlandsch hoofd strekt zich soms uit over 5000 à +6000 onderdanen; zekere hoofden hebben zich vrij groote rijken weten te +verwerven, waarover zij als onbeperkte heerschers regeeren; soms hebben +ze 700 à 800 krijgers in hun dienst. Dus is het gemakkelijker, de +politieke organisatie te bestudeeren op Malaïta dan op San Cristoval. + +De waardigheid van dorpshoofd kan erfelijk zijn, of ook wel wordt zij +verkregen door rijkdom of door sterk sprekende physieke meerderheid +boven de andere inwoners. + +Onder hem staat een ander hoofd, die een invloedrijke positie heeft +weten te verwerven door zijn moed. Dat is dan de oorlogsleider, +waarvan wij een type aantreffen in den persoon van Aio, wel bekend +niet enkel op de Salomons-eilanden, maar ook op de Nieuwe-Hebriden en +zelfs op Nieuw-Caledonië, waar hij aan den gouverneur is voorgesteld +geworden. Aio is begiftigd met een alles te boven gaanden moed, en +bij menige gelegenheid heeft hij niet geaarzeld, vreemde booten aan te +vallen. Er heeft echter niet altijd zegen op zijn werk gerust, waardoor +hij ten laatste een onvrijwillige reis naar Nouméa heeft moeten maken. + +Dan was er nog de toovenaar, zooveel als de ta-ka-ta van de stammen op +Nieuw-Caledonië. Vaak wezen de inboorlingen ons een lid van hun stam, +die, zeiden zij, naar believen regen of mooi weer kan maken. + +Hun geloof raakt niet aan het wankelen, als het beloofde weder +uitblijft en de aardvruchten bij gebrek aan regen verdrogen; er is +dan blijkbaar altijd een uitlegging gereed, waardoor het gemis aan +welslagen aan allerlei andere dingen te wijten is dan aan 't gemis +van bekwaamheid bij hun toovenaar. + +Te Pioe zagen wij het grootste aantal inboorlingen op ééne plaats +bijeengekomen. De bewoners van de kuststreek en die uit de bosschen +van het binnenland waren er vergaderd. Te midden dier menigte, waarbij +individuen te vinden waren van elken leeftijd en beide seksen, was +het gemakkelijk, twee typen te onderscheiden, die uit physiek oogpunt +veel verschilden. Naast den inboorling met Papoea-trekken vonden wij +vele inboorlingen, die onmiddellijk den Polynesiër verrieden. + +De beide rassen, het papoesche en het maleisch-polynesische, hebben +inderdaad den archipel bevolkt. Het schijnt, dat de landverhuizers van +maleisch-polynesische afkomst de kust bezetten en de eerste bewoners, +die Papoea's waren, naar het binnenland hebben teruggedrongen. + +Toen wij Malaïta verlieten, zouden wij naar het eiland Isabel hebben +willen gaan en de baai der Mille-Vaisseaux hebben willen bezoeken, +waaraan talrijke fransche herinneringen zijn verbonden. Doch sinds +1885 heeft het noordelijk deel van den archipel de opperhoogheid van +Duitschland moeten erkennen, en die mogendheid heeft de werving op +haar grondgebied verboden. + +Wij hadden slechts vergunning om te werven in het onafhankelijke deel +der eilandengroep, en het deed ons leed, zonder er stil te houden, +de bewuste baai te moeten voorbij varen aan de zuidkust van het +eiland Isabel. Daar legde Dumont d'Urville aan op zijn reis naar de +Salomons-eilanden, en de haven van Astrolabe, aan die baai gelegen, +werd door fransche officieren zeer nauwkeurig hydrographisch opgenomen, +terwijl het te betreuren is, dat ook niet andere punten van de kust +zoo goed bekend zijn. + +Op het eiland Isabel, waar wij niet veel succes hadden, eindigde ons +recruteeringswerk. Wij hadden 112 inboorlingen aan boord, voor wie +wij zeker wisten te Nouméa werk te zullen vinden, en nu waren wij +verheugd naar Nieuw-Caledonië te kunnen terugkeeren, naar beschaafder +streken. Maar wij waren toch voldaan over ons bezoek aan deze eilanden, +die zoo weinig bekend en zoo interessant zijn. Het geluk had ons +gediend, en wij waren welwillend ontvangen door de inboorlingen, die +zulk een slechten naam hebben; ze hadden ons tenminste geen openlijke +vijandschap getoond. + +Den 17den November om zes uur 's avonds ankerde de _Lady Saint Aubyn_ +in de haven van Nouméa, waar zij te huis was. + + + + +Uit Marokko + +Naar het Duitsch van Dr. Siegfried Genthe. [1] + + +Er bestaat nergens een onmiddellijker overgang tusschen twee volkomen +verschillende werelden dan bij de straat van Gibraltar. Nergens +elders op aarde staan twee gebieden van zoo scherpe tegenstellingen +tegenover elkaâr en zijn dan toch zoo nauw vereenigd, als hier, +waar Afrika's noordwestpunt door een zeeëngte van niet meer dan een +paar mijlen breedte gescheiden wordt van het spaansche vasteland, +'t welk immers stellig europeesch van aard is trots het bekende woord, +dat Afrika ten zuiden van de Pyreneeën begint. + +Op de smalste plek tusschen Punta Maroqui bij Tarifa op den spaanschen +en kaap Eires op den marokkaanschen kant bedraagt de breedte van +het scheidend watervlak, dat, geologisch gesproken, een nog jonge +doorbraak van den Atlantischen Oceaan is, minder dan 14 K.M. En toch +beteekent dit smalle water, minder breed dan de Elbe bij Cuxhafen, +een scheiding grooter, dan duizenden van zeemijlen bewerken, moeilijker +te overbruggen dan de diepste, breedste wateren. + +Wel gaan tegenwoordig dag aan dag de kuststoombooten tusschen de +spaansche en marokkaansche havens heen en weer, wel zorgt ook de +onderzeesche kabel voor de aansluiting bij de buitenwereld, maar men +zou van deze verbinding kunnen zeggen, dat zij uiterst oppervlakkig is +en 't innerlijke wezen in 't geheel niet raakt. Toch heeft Spanje sterk +den invloed van Afrika ondervonden en men speurt dien in de bevolking, +de taal, de bouwkunst, en de kleeding der bewoners, een bewijs hoe +krachtig de werking is geweest der moorsch-arabische heerschappij in +Andaluzië en Granada. + +Maar die afrikaansche herinneringen, die Spanje voor den toerist zoo +iets bekoorlijks en buiten-europeesch geven, zijn volkomen eenzijdig +gebleven. Aan den overkant der straat is van spaansche of andere +europeesche invloeden niets te bespeuren, zoodra men de weinige +havensteden, die voor den buitenlandschen handel zijn opengesteld, +heeft verlaten en in het binnenland komt. + +Het is inderdaad merkwaardig, met hoeveel taaiheid de Islam in Marokko +erin geslaagd is, zich te verzetten tegen de onvermijdelijk schijnende +aanraking met de christelijke buitenwereld aan de Middellandsche +Zee. Het is alsof de vurige en aanvallende geloofskracht, die +Mohammeds leer juist op deze plek in haar stoutmoedig binnendringen +op europeeschen bodem heeft getoond, zich later heeft omgezet in nog +vasthoudender kracht van weerstand. + +Maar in onze dagen van triomfen voor het wereldverkeer bestaat er ten +slotte geen hinderpaal, die niet eindelijk wijkt voor de aandringende +beschaving der blanke volken. Het vele duizenden van jaren oude China, +tot op den jongsten tijd 't bewonderenswaardigst bolwerk van trotsche +welgelukte afzondering, zijn geheimzinnige buurlanden Thibet en Korea, +ook zij moeten stap voor stap toegeven, wijken voor den aandrang van +ons ras. + +En zooals het nog voor weinig tientallen van jaren donkere werelddeel +nu bijna geheel verdeeld is tusschen de staten, die het meest voor +de openstelling hebben gedaan, zoo zal ook Marokko's laatste uurtje +slaan, en in een niet te verre toekomst zal op de plaats van het +vreemdenhatend, achterlijke rijk van den Sjerif een land liggen als +andere koloniën, waar naar de grondstellingen der verlichte staatskunst +de geheele wereld uitgenoodigd wordt ter exploitatie van de natuurlijke +krachten en rijke schatten van den grond. + +Dat echter Marokko, om zoo te zeggen op den drempel van Europa en +onder onze oogen, tot heden niet enkel een politiek zelfstandig, +maar ook een voor de buitenwereld zoo goed als gesloten land gebleven +is, behoort tot de merkwaardigste feiten der geschiedenis, tot die +verbluffende dingen, die men aanneemt als iets vanzelfsprekends, +ofschoon ze dat volstrekt niet zijn. Want hoe was het mogelijk, +dat midden in onzen beschavingskring een land aan de Middellandsche +Zee, dat reeds in den grijzen voortijd bij zijn buren bekend was en +vaak genoeg een niet onbeduidende rol in hun onderlinge betrekkingen +gespeeld heeft, alleen van alle andere als onaangetast de stormen heeft +getrotseerd van oorlog en verovering, wisseling van heerschappij en +eeuwigen burgeroorlog? Hoe kan een land, dat Phoeniciërs, Grieken, +Romeinen, Vandalen, Gothen, Arabieren, Spanjaarden en Portugeezen +na elkander in den loop der eeuwen bezet en bewoond hebben, nu nog +oprijzen in den tijd, dien wij beleven, als een levend gebleven stuk +oudheid? Hoe verklaart men het, dat aan dit merkwaardig, ingedommeld +sprookjesland, waar de tijd schijnt stil te staan, tot in het midden +van de 19de eeuw door groote mogendheden schatting is betaald, als +moest men door deemoedige geschenken zich de gunst verzekeren van +een gevreesden geweldige. + +Waaraan ligt het, dat de trotsche Europeaan, die overal elders in de +wereld als heerscher of als zelfbewust gelijkberechtigde optreedt, +zich in Marokko in de rol van den verachten, slechts gedulden +christenhond schikt? Dat zelfs de ambtelijke vertegenwoordigers van +onze regeeringen, tegen alle gewoonten van hun stand in, zich ermee +tevreden stellen, ver van de hoofdstad of zelfs van alle persoonlijk +verkeer met den vorst en zijn regeering, rustig aan de kust te wonen? + +Deze vragen, die iemand door het hoofd gaan, als men voor het eerst +van de spaansche naar de marokkaansche kust overvaart, voldoende te +beantwoorden, zou meer tijd vorderen, dan men voor mijmeringen bij +den korten overtocht heeft en bovendien heel wat studie van Marokko's +geschiedenis vereischen, zonder tot een bevredigende uitkomst te +leiden. + +Doch één ding schijnt mij toch duidelijk bij een vluchtig kijkje op +Marokko's historie, namelijk, dat het niet de Islam alleen geweest +kan zijn, die het land in zijn afzondering houdt en dit land, 't welk +naar zijn aardrijkskundige ligging midden in het drukste wereldgewoel +moest staan, als een zonderling alleen doet blijven, een eigen plaats +innemend in onzen nivelleerenden, alles gelijkmakenden tijd. + +Wel heeft juist van Marokko uit de Islam zijn grootste kracht +ontwikkeld en van het van hier uit onderworpen Spanje drongen de +mohammedaansche strijders voor het geloof tot in het hart van Frankrijk +door; het waren de uit Marokko gekomen legerscharen van den Profeet, +die Karel Martel bij Tours en Poitiers tot zegen van Europa heeft +teruggeslagen. Maar toch; belangrijker dan de kracht van het geloof +met zijn dweepzucht en zijn persoonsvereering was voor het land +zijn krachtige bevolking, geen arabische of moorsche, geen negers +of afstammelingen van negers als in andere landen van Noord-Afrika, +maar Berbers, dat geheimzinnige volk, welks lichte huidkleur met +soms volkomen germaansch lijkende blauwe oogen en blonde haren, +den ethnologen zooveel moeite geven. Berbers, in wie men nu eens +de nakomelingen der verdwenen tien stammen van Israël, dan weer +die der Vandalen en Gothen van Noord-Afrika heeft willen zien; +in wie sommige de oude Libyers en Carthagers meenen te herkennen, +terwijl anderen in hen die naamlooze volken hervinden, die op de oude +egyptische monumenten blondharig en slank onder de schattingbetalende +figuren op de wandschilderingen zijn afgebeeld. Alle volken, waar +de ethnologen wat verlegen mee zitten, Kelten, Iberiërs, Basken, +Carthagers, de Guanchen van de Kanarische eilanden en Etruskers, +zijn als voorvaderen der Berbers aangewezen. + +Maar 't zij ze nu van indogermaanschen, semietischen of afrikaanschen +oorsprong mogen wezen, zij waren en zijn het volk, dat meer dan +eenig ander in de geschiedenis de vrijheidsliefde en den trots +vertegenwoordigt, die men zoo dikwijls bij bergvolken vindt. Overal, +waar de Islam op zulke stammen stiet, zijn er eeuwen lang bloedige +oorlogen gevoerd, maar ten slotte ontstonden er vaste burchten des +geloofs, rechtgeloovige plaatsen, die tot de gevreesde schuilplaatsen +van roofzuchtige dwepers werden. Zoo in den Kaukasus en in Koerdistan, +en in de hooge dalen van den Indus en in Afghanistan. + +En zulk een land is Marokko eveneens. De Berbers zijn er van veel meer +beteekenis voor geworden dan ooit Phoeniciërs en Romeinen, Arabieren +of Spanjaarden. Zij zijn gebleven, wat ze waren, een ruw, krijgshaftig +bergvolk, dat zijn onafhankelijkheid hooger stelt dan alle andere +goederen der wereld, een onbeschaafd volk van jagers en herders, dat +den opgedrongen, onbegrepen van het Oosten komenden nieuwen godsdienst +voor zich pasklaar maakte naar zijn oude vooroudersvereering en nu +eraan vasthoudt als aan een nationaal bezit. + +De Berbers zijn de eigenlijke Marokkanen, degenen, die de geschiedenis +van het land hebben gemaakt, die thans (1903 en 1904, toen Dr. Genthe +in Marokko was, vert.) in den opstand van Boe Hamara evenzeer +de hoofdrol spelen, als zij later, bij de komst der europeesche +indringers, den nieuwen heerschers de grootste moeilijkheden zullen in +den weg leggen. Aan de Berbers is het te danken, dat wij nu nog vóór +onze deur hebben, zoo antiek, zoo barbaarsch en zoo schilderachtig, +als men er enkel een in de ontoegankelijkste deelen der wereld zou +verwachten, een land, dat den reiziger een paar uren, nadat hij Europa +heeft verlaten, onmiddellijk in een bekoorlijke, verwarrend vreemde +wereld brengt. + +Wie dien indruk sterk wil krijgen, moet zijn reis naar Marokko niet +doen met een der gemakkelijke stoombooten, die van verschillende +europeesche havens uit naar de marokkaansche kustplaatsen varen. In +Hamburg alleen zijn drie maatschappijen, die een geregeld verkeer met +Marokko onderhouden, en zoo is het ook in Londen en Liverpool. Van daar +uit duurt de reis tot Tanger, de dichtstbij zijnde marokkaansche haven, +een week en langer. En ook de sneller en voornamer booten, dan die +van Woermann en Oost-Afrikalijn en dergelijke, als bij voorbeeld die +van de groote oostaziatische en australische lijnen, Noordduitsche +Lloyd, Hamburg-Amerikalijn, Orient-lijn, Peninsular and Oriental, +Messageries Maritimes, die in een paar dagen naar Gibraltar varen, +geven iemand door de zeereis veel meer het idee van een grooteren +tocht, van een overgang in nieuwe toestanden, dan wanneer men met +de Zuidexpres over Parijs naar Madrid rijdt en van daar langs den +kortsten weg Cadix en Gibraltar bereikt en zich met een der spaansche +of engelsche stoombooten laat overzetten. Dan beleeft men inderdaad +een groote verandering zonder geleidelijken overgang. Hoewel toch de +zuidspaansche steden met hun witte huizen en platte daken, hun agaven +en opuntia's en enkele palmen reeds een weinig afrikaansch lijken, +men krijgt toch den indruk van met een tooverroede te zijn aangeraakt, +als men plotseling, nog in 't gezicht der spaansche kust, aan den +overkant de verblindend witte huizenblokken ziet en de middeleeuwsche +tinnen van de vesting Tanger voor het oog ziet verrijzen. + +Die stad mag zich beroemen, al heel weinig vereuropeescht te zijn. Meer +dan de helft van de kustlengte der zuidelijke binnenzee van Europa +behoort bij mohammedaansche landen, die met hun vreemde levensvormen +veel bekoorlijks hebben en dit afrikaansche Oosten zeer geliefd maken; +maar het levendig verkeer tusschen de omliggende landen, waardoor +de Middellandsche Zee het drukst bevaren wordt van alle zeeën, heeft +natuurlijk het binnendringen van europeeschen invloed en europeesche +uiterlijkheden ten gevolge gehad. In de turksche en egyptische havens +treedt het europeesch karakter in huizenbouw en kleeding der bewoners +reeds op den voorgrond, en niet veel beter staat het daarmee in +algerijnsche kustplaatsen en zelfs in die van Tunis en Tripoli. + +Daarbij vergeleken, is Tanger werkelijk nog zoo echt, alsof het pas +voor weinig jaren ontdekt was en niet een der oudste nederzettingen in +dat deel der Middellandsche Zee, waar wij geloofwaardige berichten uit +bezitten. Voor de in Marokko wonende vreemdelingen beteekent Tanger +het toppunt der beschaving, de zeer gezochte, het dichtst bij Europa +gelegen plaats, waar men alles vindt, wat men als twintigste-eeuwer +in het leven behoeft. + +Hôtels met vreemde-talensprekende kellners, couranten van alle +beschaafde landen, kerken en kapellen van drieërlei belijdenis, +tennisvelden, gezantschappen en consulaten van meer dan een dozijn +staten, post- en telegraafkantoren, banken, een eindeloos aantal +koffiehuizen, winkels van allerlei aard, ja zelfs telefonen en +electrische straatverlichting. + +Dat is werkelijk verrassend veel voor een marokkaansche stad, en zelfs +al vindt men in de winkels nooit, wat men precies noodig heeft, en al +weigert de electrische verlichting altijd dan en daar, waar zij het +meest noodig is, toch zal men erkennen, dat een veel belovend begin +aanwezig is. + +Als men pas aankomt en onder de in zuidelijke landen zoo opdringende +pakjesdragers en roeiers en gidsen en tolken en bedienden zich een +weg gebaand heeft, kan men niet zoo gemakkelijk aan al die gemakken +gelooven, die volgens de mededeelingen der hôtelbedienden er te kust en +te keur te vinden zijn. Heel anders dan men in een opkomende wereldstad +zou verwachten, hebben de landing en het douane-onderzoek plaats. De +schreeuwende pakjesdragers, die van de bekende stoïcijnsche kalmte +van het morgenland geen flauw besef schijnen te hebben, ontrukken +iemand alles, wat hij bij zich heeft en snellen ermee de hoogte in +naar de stad. + +Dadelijk bij den ingang, aan de Bab el Marssa, de lage, dikmurige +havenpoort, wordt even halt gehouden. Hier zetelt de douane van den +sultan. Onder koele gewelven zitten met de grootste waardigheid met +onder zich gevouwen beenen in ruime, luchtige kleederen een paar +mummelende grijsaards, die zich in scherpe tegenstelling tot de +rumoerige pakjesdragers niet in het minst uit de plooi laten brengen +door de aankomst der talrijke, met ons gelijktijdig van de stoomboot +komende reizigers, wier bagage moet worden onderzocht. Wellicht +wordt hun kalmte eerder een beetje verstoord, als groote vrachten en +ladingen goederen de douane moeten passeeren, omdat zij er volgens de +handelsverdragen tien percent der waarde van mogen heffen. Want dat +is de belangrijkste, en vooral de regelmatigste bron van inkomsten van +het land, die, evenals in China, van alle overigens zoo barbaarsch en +willekeurig ingerichte takken van bedrijf nog het meest den heilzamen, +europeeschen invloed heeft ondergaan. + +Toen Spanje bij den vrede van Tetoean, na met moeite een einde +te hebben gemaakt aan zijn zoo dwaselijk ondernomen oorlog, den +sultan van Marokko een oorlogsschatting van 100 millioen peseta's, +dat is naar den tegenwoordig koers (1904) van ongeveer 42 millioen +gulden, oplegde, verzekerde het zich van die buitensporig hooge som, +door beslag te leggen op de zeetollen. Tegelijk werd er een gemengd +spaansch-engelsch bestuur ingesteld, dat door zijn eerlijkheid de +wakkere moorsche tollenaren verbaasde en inderdaad in de jaren +van 1860 tot 1863 de opbrengst van ongeveer zeven tot meer dan +dertig millioen 's jaars verhoogde. Eerst in 1887 verliet de laatste +spaansche ambtenaar het land, dat sedert dien tijd weer naar 's lands +wijs havengelden en tollen heft. Den meestbiedende wordt het ambt van +oppertollenaar afgestaan, en hij moet dan maar zien, hoe hij aan zijn +geld komt. Intusschen schijnt het, of hij zoowel als de sultan er niet +slecht bij varen, daar, vooral bij de zeer ingewikkelde berekening +der uitvoerrechten, speelruimte te over is gegeven, waar de oostersche +financiëele beambten zoozeer behoefte aan hebben. Bij den voortdurend +meer vooruitgaanden handel van het land zijn de vooruitzichten bij +dezen tak van bestuur werkelijk rooskleurig. + +Dit bewustzijn heeft denkelijk de tolbeambten zoo aangenaam +onverschillig gemaakt voor onze bagage. Niets kan in beschaafde landen +iemand zulk een hekel aan het reizen geven, als de kleinzielige, +peuterige, zoogenaamd nauwkeurige manier, waarop koffers worden +dooreengewoeld aan de grenskantoren. Daar zijn bij voorbeeld de +amerikaansche ambtenaren in New York heele bazen in. Aan de welwillende +nonchalance, wanneer "de heer der tienden", zooals hij in Tanger heet, +zich van zijn taak kweet, mogen overijverige tolbeambten uit andere +landen gerust een voorbeeld nemen. Een vluchtige blik op de lange rij +van koffers, een paar woorden met den vertegenwoordiger van 't hôtel, +waarheen ik gaan wilde, een wenk voor de sjouwers om alles weer op +te nemen, daarin bestond de visiteering. Natuurlijk beweerde mijn +gids, een bruikbare, spaansch-moorsche jood uit Tanger, die Arabisch, +Spaansch, Engelsch, Fransch en soms zelfs een weinig Duitsch sprak, +dat hij door groote fooien mij dat zoo gemakkelijk had gemaakt en +dat hij bevriend was met den douanedirecteur; maar ik bemerkte, dat +ook de andere nieuwaangekomenen, Duitschers, Engelschen, Amerikanen, +Franschen en Spanjaarden, die met mij van Cadix overgestoken waren, +even snel en gemakkelijk door de gevreesde poort trokken en zich bij +de lange karavaan van dragers konden aansluiten, die nu naar boven +klommen naar de stad. + +Zooals de meeste der noordwestafrikaansche havens aan de kust +der Middellandsche Zee ligt Tanger op een kleine, hooge rotskaap, +den hoeksteen van een mooie baai. Dat is niet alleen een hoogst +schilderachtige, maar uit militair oogpunt ook een zeer gunstige +ligging. En als er een goede ankerplaats bij komt, zooals hier in +Tanger, dat voor de beste haven van geheel Marokko doorgaat, dan kan +men reeds alleen uit deze geographische gegevens de plaats een groote +toekomst voorspellen. + +Wel valt er aan de haven niet veel te prijzen. De bocht is naar het +Noordwesten open en levert tegen de van den Oceaan komende, noordelijke +winden geen beschutting. Daarbij zijn voorloopig de aanlegplaatsen +voor het laden en lossen nog zeer onvoldoende, daar er behalve de +smalle, houten pier niets is, wat het havenverkeer vergemakkelijkt. In +de zeventiende eeuw was dat een tijdlang anders. Zooals men weet, +verwierf Karel II van Engeland bij zijn huwelijk met de portugeesche +prinses Catharina van Braganza, een dochter van koning Johan VI, +behalve een behoorlijken bruidsschat in rood goud de toen portugeesche +koloniën Bombay en Tanger. In Engeland begroetten de ver vooruitziende +kooplieden en leidende politici het bezit van zulke havens met groote +blijdschap. De koning zelf verklaarde in het Parlement, dat Tanger +een juweel van onschatbare waarde in de kroon was, en zijne ministers +waren van oordeel, dat de nieuwe bezitting tegen alle andere engelsche +koloniën opwoog. IJverig begon men het toen nog zeer kleine plaatsje +uit te breiden. De inheemsche bevolking was nog zeer gering; maar +de overplaatsing van een geheel regiment naar de van de Portugeezen +overgenomen vesting deed er weldra honderden Engelschen, Joden, +Spanjaarden en Italianen heen stroomen. Reuzensommen werden besteed +aan vestingwerken; kerken, scholen, weeshuizen werden gesticht, in +het kort, alles werd op groote schaal aangelegd, als voor een plaats +die onbetwistbaar een groote toekomst te gemoet gaat. + +Het duurste werk werd een prachtige havendam, die 400 M. ver in zee +werd uitgebouwd. Op de aanzienlijke breedte van ongeveer 25 M. stonden +huizen en sierlijke paviljoens en bijna duizend stukken geschut waren +langs de geheele lengte aan beide zijden geplaatst, bediend door een +compagnie kanonniers en bijna onafgebroken een kanonnade bulderend ter +begroeting van binnenkomende en uitgaande of voorbijvarende schepen. + +Helaas, beantwoordde aan dat schitterend begin de verdere ontwikkeling +der kolonie in 't geheel niet. In die eerste dagen van overzeesche +kolonisatie scheen men in Engeland het nog niet gansch en al verdwenen +idee te hebben, dat voor den dienst in de koloniën de slechtste +elementen goed genoeg waren. Zoo kwamen er bedenkelijke figuren naar +Tanger; ook de ambtenaren, tot den stadhouder toe, waren niet beter +dan de tuchtelooze bende der slechtbetaalde soldaten van de bezetting, +en ten slotte waren de toestanden zóó geworden, dat men in het Huis +der Gemeenten alle verdere uitgaven voor de dure kolonie afstemde. + +Tanger werd aan de Mooren teruggegeven, nadat meer dan twintig +millioen pond sterling nutteloos was uitgegeven. Ten overvloede +werden ook nog alle gebouwen, vestingwerken, kerken, wallen en +schansen vernield en ook de mooie pier liet men springen. Met dit +kinderachtige verwoestingswerk eindigde in 1684 na twee-en-twintig +jaar van wanbestuur de engelsche heerschappij aan de kust van Marokko. + +Het dertig jaren later na den Spaanschen Erfopvolgingsoorlog verkregen +Gibraltar was en is slechts een geringe vergoeding. De kale rots heeft +geen natuurlijk achterland; voor meer dan negen millioen guldens +per jaar moeten waren uit het moederland worden ingevoerd, terwijl +soldaten zoowel als burgers, de rots-schorpioenen, zooals men hen +daar noemt, voor hun behoefte aan versch vleesch en groenten geheel +op het er tegenover gelegen Tanger aangewezen zijn. + +Buiten een paar ruïnen van den grooten steenen havendam vindt men in +de stad bijna geen sporen van de engelsche heerschappij. Evenmin van +die der Portugeezen, die bijna twee eeuwen lang vóór de Engelschen +er geheerscht hebben en onder meer niet minder dan zeventien kerken +en kapellen hebben opgericht. Ook zij verwoestten bij hun aftocht +gewetensvol de vruchten van hun werkzaamheid, en dezelfde geest van +kleinzieligen naijver schijnt zich telkens vertoond te hebben, als +de ongelukkige stad van eigenaar moest veranderen. En dat geschiedde +ontelbare malen. + +Na de dagen der Engelschen kwamen met afwisselend geluk +Arabieren, Spanjaarden en Portugeezen elkander den buit betwisten, +eenvoudig een vervolg dus van de veelvuldige oorlogen, waarvan de +noordmarokkaansche kust sinds het begin der historische tijden het +tooneel is geweest. Vanaf den tijd der mythen, toen de verhalen over +de zuilen van Hercules en de tuinen der Hesperiden ontstonden, tot in +onze twintigste eeuw zijn Marokko, en vooral zijn middellandsche kust, +niet tot rust gekomen. De vermoede en ook waarschijnlijke rijkdom +van den grond aan delfstoffen en de buitengewoon gunstige ligging +hebben dit land, dat een aardsch paradijs kon zijn, tot slagveld +gemaakt, waarop naijverige en op elkaar gebeten groote en kleine +naties elkander te lijf gingen. Maar het moet al heel erg worden, +als een volk en een land geheel ten onder zullen gaan. + +Al is ook van de glansrijke dagen der Romeinen, buiten eenige resten +van tempels en een paar verstrooide marmeren zuilen en pilaren van +bruggen, niets overgebleven, dan de nog in den volksmond overgebleven +naam van den Roemi voor den vreemdeling; al hebben Gothen en Vandalen, +Spanjaarden, Portugeezen en Engelschen slechts zeer weinig sporen +van hun heerschappij in het land achtergelaten, land en volk zelf +leven nog en zijn nog onafgebroken, zijn gezond en tot ontwikkeling +bereid en kunnen nog een groote toekomst bereiken, zoodra zij +van de als een last op hen drukkende sultansmacht bevrijd zijn, +waarbij barbaarsche bloedzuigers en bekrompen priesters de gezonde +ontwikkeling tegenhouden. + +Als een zinnebeeld van deze lange, afwisselende geschiedenis ligt +Tanger aan den ingang tot het land; in plaats van een vrije, bloeiende +handelsstad, zooals de natuurlijke poort naar een rijk land moest +wezen, een klein, vuil nest, dat geen sporen van groote dagen vertoont +en op 't armzalig kleed van zijn mohammedaansch-marokkaansche armoede +maar al te zichtbaar een paar fel afstekende lappen heeft van vreemde, +nieuwe kleur. + +De indruk van nieuwheid, dien Tanger van de zeezijde maakt, raakt +terstond verloren, als men in de straten en steegjes der stad een +weinig heeft rondgekeken. Ze zijn krom en bochtig, steil en in 't +geheel niet geplaveid. Men zoekt tevergeefs naar iets, wat aan het +werk van bouwpolitie herinnert, en wie nog vijf uren te voren zich +verheugde over de netheid en welverzorgdheid van de straten in Cadix, +krijgt hier levendig het bewustzijn, van in een barbaarsch land te +zijn. In de hoofdstraten echter, of liever de hoofdstraat, want er is +eigenlijk maar één, staat het eene europeesche huis naast het andere, +winkels, apotheken, bierhuizen, alle met uithangborden en spaansche, +fransche of engelsche aanprijzingen, en tusschen die maar door enkele +meters van de smalle, bochtige straat gescheiden huizen beweegt zich +rumoerig en brutaal een dichte menigte, die ontnuchterend op den +vreemdeling werkt. + +Wel zal men geen minnut erover in twijfel zijn, dat de eigenlijke +bevolking uit Mooren, Berbers en Negers bestaat in hun verschillende +graden van raszuiverheid en vermenging; maar de europeesche figuren +middenin dit afrikaansche gespuis zijn toch zeer talrijk. Naast den +burnoes en de djellaba, de kaftan en den haïk van de inboorlingen, +ontmoet men onafgebroken ook europeesche broeken en minder talrijk +jassen en vesten. Niet altijd zijn het echte Europeanen, die deze +nuchtere voorboden der beschaving dragen. Al zijn er onder de 35,000 +inwoners, waarop men Tanger's bevolking thans schat, zeker een paar +duizend Spanjaarden en dan minder trotsche hidalgo's dan wel arme +slokkers van de laagste afkomst en het donkerste verleden vaak, toch +kan men zich licht vergissen en een veel grooter aantal Europeanen +vermoeden, omdat de talrijke marokkaansche Joden in Tanger reeds voor +'t meerendeel de europeesche kleeding hebben aangenomen. + +Storender werken echter in de oostersche stad de ontelbare echte +Europeanen, de reizigers, die als sprinkhanenzwermen op de stad +neervallen en gedurende een verblijf van enkele uren zich overgeven aan +de aangename griezeling van te vertoeven in het onbekendste land der +wereld te midden van de vreemdelingenhatende, bloeddorstige, dweepzieke +Mooren, terwijl buiten op de reede, zoo dichtbij en binnen het bereik +van hun oogen de stoomboot ligt, waar ze ieder oogenblik heen kunnen +vluchten, als plotseling de groote moordpartij eens ging beginnen. + +Daar er meer dan twintig stoombootlijnen zijn, die geregeld Tanger +of Gibraltar aandoen, zal men zich kunnen voorstellen, welke scharen +van pleizierreizigers, die op grootere reizen door de straat van +Gibraltar gaan, of alleen aan de Middellandsche Zee en Spanje +een bezoek brengen, de gemakkelijke gelegenheid aangrijpen, om een +vluchtig kijkje in Tanger te nemen en aldus een echte, marokkaansche +stad te zien. Vooral 's voorjaars en in het begin van den zomer, +als de afrikaansche warmte nog niet lastig is geworden, zijn dag op +dag de weinige hôtels van de stad overvol door steeds wisselende +nieuwaangekomenen, onder wie natuurlijk, als in alle drukbereisde +streken, Engelschen en Amerikanen in de meerderheid zijn. Maar ook +Duitschers en Franschen zijn talrijk, en geen dag gaat voorbij, of +men hoort vertellen van het gewone uitstapje naar Kaap Spartel en de +vluchtige bezichtiging der stad op een ezels- of een muildierrug. + +Het middelpunt van Tanger is de kleine markt, soek el daahl, zooals +de inboorlingen, Soco chico, zooals de Joden en de vreemdelingen +zeggen. Het is eigenlijk slechts een onbeduidende verwijding +van de hoofdstraat, een pleintje, waar echter de meeste winkels, +koffiehuizen en kantoren zijn. Ook zijn er het grootste hôtel, dan +een bureau van het Comptoir d'Escompte national, de eenige in Marokko +vertegenwoordigde buitenlandsche bank en het duitsche, fransche, +engelsche en spaansche consulaat. + +Alle nieuwtjes kan men op dit pleintje hooren, waar de babbelende en +zwetsende menigte bijeenkomt en waar het tot laat in den avond druk +is. Ook de gegoede klasse komt er bijeen in lokalen, die in beschaafde +steden juist goed genoeg voor een koetsiersherberg zouden zijn; een +fatsoenlijk clublokaal heeft Tanger niet, ook al doordat de kleine +wereld van gezanten, consuls, tolken en geneesheeren zich afzondert +en er nog weinig gezelligheid onder de andere buitenlanders heerscht. + +Van Tanger naar Fez te reizen is niet zoo eenvoudig, als het lijkt +bij het bezien der kaart. Men heeft slechts te doen met den geringen +afstand van ongeveer 200 K.M., en de gesteldheid van den grond +schijnt geen bijzondere bezwaren in den weg te leggen. Intusschen is +de reis al ontelbare malen door Europeanen gedaan, niet alleen door +de gezanten der vreemde regeeringen, die immers elke paar jaren den +heerscher in een zijner hoofdsteden hun opwachting komen maken, doch +ook door een groot aantal pleizierreizigers, die de platgetreden paden +van andere landen moe zijn geworden en ook eens lust hebben in een +avontuurlijke reis met veel ongerief en de prikkelende mogelijkheid +van gevaarlijke avonturen. Zelfs dames hebben in de laatste jaren den +weg wel afgelegd; vrouwen van diplomaten en moedige alleenreizende +dames. Maar altijd moet in deze streken, die nog niet in het teeken +des verkeers staan, met tenten en lastdieren en gewapende gidsen en +tolken worden opgetrokken en al den omslag van uitrustingsvoorwerpen +en voedingsmiddelen, die daarbij passen. + +Tijdens mijn bezoek gaven de tijdsomstandigheden bijzondere zorg. Voor +zoo ver men wist, werd de Sultan in zijn heerschappij bedreigd door een +pretendent, die zich reeds een grooten aanhang had verworven, en men +stond vóór de groote vraag, of het hem gelukken zou, den plotseling +opgestanen tegenstander een beslissende neerlaag toe te brengen, +eer de opstand verder om zich greep en ten slotte den troon van het +regeerende geslacht zou doen wankelen of doen vallen, zooals reeds +herhaaldelijk in de historie van het ongelukkige land gebeurd was, +waar elke wisseling van heerscher verbonden is met bloedige oorlogen, +met moord en verraad, opstand en burgeroorlog. + +Dezen keer scheen niet alleen in het land zelf onder de helderziende +vreemdelingen, door een langdurig verblijf vertrouwd geworden met de +kunst, om achter den bedriegelijken schijn, de waarheid te ontdekken, +maar ook bij de op de hoogte zijnde inboorlingen vast te staan, +dat zulk een schok als de opstand van Boe Hamara het aan onrust en +strijd zoo gewende land nog sinds menschenheugenis niet had getroffen. + +Meestal heeft men bij den zoo goed als onafgebroken oorlogstoestand +in Marokko te doen met pogingen van den sultan, om zijn gezag over +de onwillige Berberstammen te handhaven, die het tot hun nationalen +plicht schijnen te rekenen, het betalen van schatting te weigeren, +tot ze er door wapengeweld toe worden gedwongen. + +Met Boe Hamara nu was het niet de gewone weigering van enkele stammen, +ook niet de aanspraak van een bloedverwant op den troon, maar het +scheen een soort van nationale beweging te zijn met veel godsdienstige +elementen erbij en in hoofdzaak gericht tegen den toenemenden invloed +der vreemdelingen. Trots zijn afgeslotenheid heeft het land toch de +tijden zien veranderen, en vooral in de jongste tientallen van jaren +is er veel gewijzigd en zijn er nieuwigheden ingevoerd, die vroeger +ondenkbaar zouden zijn geweest. + +Enkel op zichzelf aangewezen en van de overige wereld afgesloten +is Marokko nooit geweest; maar het is uit alle wisselingen in den +loop der geschiedenis toch altijd als zelfstandig land te voorschijn +gekomen, of als kern van een zeer groot machtsgebied. En kerkelijk +is het in de oogen van de geheele mohammedaansche wereld altijd iets +bijzonder heiligs en vereerenswaardigs geweest, sinds die nakomeling +van den Profeet, Edris, in het land kwam en het eenige mohammedaansche +heerschersgeslacht stichtte, dat op werkelijke familiebanden met +den stichter van den godsdienst zich beroemen kan. Zooals de Islam, +die zich in andere landen merkwaardig plooibaar getoond heeft, in +Marokko streng zich heeft gehandhaafd in de rechtzinnigste vormen, +zoo schijnen de Mooren als bewakers van de uiterste westgrens der +mohammedaansche heerschappij het voor hun plicht te hebben gehouden, +tegen de buitenwereld meesterachtig en afwerend op te treden. En dat +is hun tot in den jongsten tijd gelukt. + +Bij de onrust, die in het land heerschte ten gevolge van den opstand +onder Boe Hamara scheen het gewaagd, de reis naar Fez te ondernemen; +maar ik liet mij daardoor niet weerhouden. De eerste moeilijkheid +was gelegen in 't verkrijgen van een goed rijpaard en van een +betrouwbaren bediende of tolk. Aan goede paarden is natuurlijk in +een zoo beslist ruitersland als Marokko geen gebrek, en in een door +toeristen overstroomde havenstad allerminst. Maar juist daarin was de +moeilijkheid gelegen. Met het oog op die pleizierreizigers, die in de +voorjaarsmaanden en in het begin van den zomer in Tanger opduiken, +willen de paardenkooplui hun dieren niet verkoopen. Het is voor +hen veel voordeeliger, dag op dag de paarden aan de hôtels en hun +klanten te verhuren. Dan wordt bijna altijd het korte uitstapje naar +kaap Spartel gemaakt of naar de schilderachtig gelegen en slechts +een dagreis verwijderde stad Tetoean. Op die wijze brengt hun ieder +paard dagelijks 5 à 10 peseta's en meer binnen, terwijl de verkoop +hun hoogstens 100 à 300 opbrengt. + +Eindelijk na veel probeerens was een rijpaard gevonden, dat een +goed reispaard scheen te zullen zijn en dan ook duur betaald +moest worden, en eveneens met moeite werd een Moor gehuurd, die +als karavaanleider dienen en met zijn bescheiden kennis van het +Spaansch en van de kookkunst ook eenigszins de diensten van een +tolk en kok kon bewijzen. In 't minst geen last had ik echter met de +muildierdrijvers. Bij die alleen scheen op de markt het aanbod de vraag +te overtreffen, en zij waren allen zonder bezwaren bereid, de reis naar +Fez te ondernemen. Dat leek mij een gunstig teeken. Zulke menschen, +die hun gansche leven op den grooten weg en in de karavanserai's +doorbrengen, hebben op de politieke toestanden, voor zoo ver die de +veiligheid raken, een uitstekenden blik. + +Zoo trok ik dan op een mooien dag onder het geleide van de beste +wenschen van de vrienden, die ik onder mijn landgenooten in Tanger +had gemaakt, de stad uit. Ik zou vroeg 's morgens vertrekken; maar +eer alles goed gepakt was, de lasten behoorlijk over de muildieren +verdeeld waren en elke kant van hun sterke ruggen gelijkmatig was +belast, werd het middag en namiddag. Een drom van bedelaars dringt +zich dan erbij om fooien voor het wenschen van een goede reis, +'t geen ook niet weinig ophoudt. + +Het was een verlichting, toen de karavaan zich eindelijk in beweging +zette. Het was maar een bescheiden karavaan, aan welker spits ik +reed. Eenige Engelschen en een Duitscher, dien ik in 't hôtel had +leeren kennen, hadden mij herhaaldelijk gevraagd, met hen te zamen de +reis te maken. Maar met vreemden, wier reisgewoonten en neigingen +men niet juist kent, zoo nauw verbonden te leven, als karavaan +en tent noodzakelijk maken, is een leelijk ding voor iemand, die +graag onafhankelijk blijft en over richting, wijze en duur der reis +zelfstandig wil beslissen. Dus had ik hun voorstel afgewezen en was +de eenige Europeaan en daardoor mijn eigen baas. + +Dat was van te meer beteekenis voor mij, omdat ik, naar men mij +in Tanger had verteld, er dagelijks op voorbereid moest zijn, door +rooverbenden te worden aangevallen. Om in zoo'n geval toch iets aan +mijn mislukte reis te kunnen hebben, had ik mij voorgenomen, niet den +gewonen karavaanweg te volgen, die zonder eenige plaats van beteekenis +aan te doen, rechtuit naar de hoofdstad voert, maar langs kleine +omwegen mijn route zóó te kiezen, dat ik vóór mijn aankomst in Fez vier +of vijf belangrijke plaatsen van dit noordwestelijk deel van Marokko +zou hebben leeren kennen. Natuurlijk kreeg ik door bemiddeling van ons +gezantschap den soldaatgeleider mee, die elken vreemdeling vergezelt +en in naam van den sultan eerbied en bescherming voor hem vraagt. + +Mijn mokhasni, zooals zijn naam is, welke naam beteekent bewaarder +van de schatkamer, liet zich trotsch kaïd Mohammed noemen, want zonder +hoogdravende titels gaat het hier niet, en de muildierdrijvers haastten +zich dan ook, hem altijd als "kaïd" aan te spreken of liever als +Aïd, zooals men hier met negeering van den keelklank altijd doet. De +waardige heer maakte een statigen indruk op zijn groot paard met +het eindeloos lange geweer en het groote zwaard op zij. Een lange, +grijze baard golfde over zijn breede heldenborst en als men achter +den fraaien hals van zijn hengst de stijf opgerichte gestalte van den +krijgshaftigen grijsaard zag opduiken, zou men aan den Cid Campeador +kunnen denken, zooals hij, in zijn witten mantel gehuld, tegen de +ongeloovigen te velde trekt. + +Van dichtbij beschouwd, veranderde echter de oude soldaat in +een vreedzaam menschenkind, dat niet aan moord en bloedvergieten +dacht. Als hij afsteeg, kon men wel zijn hooge gestalte bewonderen, +maar ook zien, dat hij hinkte en aan één zijde verlamd was, terwijl +het paard eveneens oud en gebrekkig bleek. Maar schilderachtig was +mijn oude krijgsman, en dat is de hoofdzaak in dit land, waar alles +zoo anders is dan in Europa. + +Hier was nu niets, dat het beeld van oostersch leven en +noordafrikaansche natuur verstoorde, geen vorm, geen klank, die niet +pasten in dit beeld, dat misschien juist zoo is als voor duizenden +van jaren. De wegen zijn nog dezelfde, niet anders dan de breede +platgetreden sporen van vele geslachten van lastdieren en drijvers; +de verzending van goederen geschiedt nog als in de oudste tijden in +hoogst eenvoudige uit en riet en alfagras gevlochten hangende manden op +den rug van ezels of muildieren, en ook de koopwaren zullen op weinig +uitzondering nog dezelfde zijn als in anno zooveel. Zelfs de menschen +zullen weinig veranderd zijn sinds den aanvang der marokkaansche +geschiedenis, en zeker in 't geheel niet na de mohammedaansche +verovering. + +De menschen, die ik in Tanger in mijn dienst had genomen, behoorden +volgens hunne afkomst tot de meest verschillende stammen, waaruit +Marokko's bonte bevolking bestaat. Er was een Berber van den stam +der Andsjera's, die het bergland ten oosten van Tanger langs de +straat van Gibraltar bewonen; daar was Hamed er Rifi, een levende +vertegenwoordiger van de gevreesde Rifpiraten, maar feitelijk +een gemoedelijke drijver, steeds bereid tot scherts en zang, en +alleen van de anderen zich gunstig onderscheidend door meer kracht +en grootere volharding. Hij droeg over zijn gespierd lichaam niet +anders dan de dsjellaba, het grove, wollen hemd met korte mouwen, dat +door de bergbewoners van het geheele land wordt gedragen. Het laat +de beenen en de knieën geheel bloot en is voor geharde menschen wel +een bijzonder gemakkelijk kleedingstuk. Zijn gele leêren pantoffels +droeg hij bijna steeds in de eene hand, terwijl hij in de andere +zijn trouwe buks had, zoodat hij er vrij komisch uitzag, maar er +keken onder zijn kortgeschoren blond haar zulk een paar eerlijke, +trouwhartige oogen uit, dat men wel pleizier in hem moest hebben. + +Een heel ander man was mijn tolk, Abd-es Slam el Gharbi, een van die +sterk door de beschaving aangedane Arabieren uit Noord-Afrika, die +het vlakke Westen van Marokko, el Gharb, bewonen. Hij was een echte +Moor, waaronder men niet alleen moet begrijpen een Marokkaan, maar +een nakomeling der vroeger in Spanje gevestigde en door Ferdinand den +Katholieke daaruit verdreven mohammedaansche veroveraars. Zij hadden +zich in Spanje sterk met keltische, germaansche en joodsche elementen +vermengd en waren ten slotte een geheel nieuw volk geworden, dat +met de stamvaderen in Marokko weinig meer dan het geloof en de taal +gemeen had. Zij waren de Moro's der Spanjaarden, die merkwaardige +Afrikanen, die zich niet enkel in Granada en Andaluzië, maar ook +in vele, meer oostelijk gelegen havens aan de Middellandsche Zee +onderscheiden door hun rijke begaafdheid, hun prachtlievendheid en +hartstochtelijk optreden. Shakespere's Othello was een Moro, een Moor, +man van vrij lichte huidskleur en een fijn, smal gelaat met scherpe, +semietische trekken. Mijn Moor had de voorname, afgemeten bewegingen +en de beleefde spreekwijze van den beschaafden oosterling. + +Dan had ik veel dienst van een echten Arabier, achter wiens gewoon +ezeldrijversgezicht niemand de hooge waardigheid vermoed zou hebben, +die hij bekleedde. Hij was namelijk een sjerif, en dat zegt in Marokko +alles. Een sjerif is het kort begrip van alle hoogs en heiligs +en onaantastbaars. Het woord, waarvan het meervoud sjürfa luidt, +beteekent in 't Arabisch niet anders dan voornaam; maar in Marokko +is het de vaste betiteling geworden van hen, die zich nakomelingen +van Mohammed noemen, zooals zij in de oostelijke landen sajid of +sejid heeten en zich daar door den groenen tulband onderscheiden, +dien niemand anders dragen mag. Tegenwoordig is het aantal sjerifs +in Marokko legio; maar toch was de aanwezigheid van zulk een heilige +persoonlijkheid een groote rust. Een sjerif kan bijna altijd vrede +stichten en onheil verhoeden. + +De eerste groote plaats, die ik mij voorgesteld had, aan te doen, +was de stad Asaila. Nadat ik een dag lang over de in voorjaarstooi +prijkende uitloopers van den Djebel Habib was getrokken, stiet ik op +den morgen van den derden dag, naar het Westen afslaand, op de groote +strandvlakte, waarop de lange golven van den Atlantischen Oceaan den +zandigen grond tot een prachtigen, gladden rijweg hadden geëffend. Voor +menschen zoowel als dieren was het na de zware klauterpartij in de +bergen een weldadige verkwikking, daar zich voort te bewegen, zonder +ieder oogenblik op puin en wortels en groote steenen te moeten letten. + +Maar het was gloeiend heet. De verkwikkende winden, die boven, op 300 +M. hoogte, gewaaid hadden en in de buurt van de zee gestadig woeien, +waren beneden niet meer te bespeuren. Zij schenen ingeslapen en moe +te zijn geworden in de middaghitte, juist als wij. Toen was op eens +de eindelooze strandvlakte als afgesneden; een breede, vestingachtige +muur brak haar af en vulde de ruimte tusschen de zee en het heuvelland, +en wij zagen tinnen en torens en wallen, bijna zwart van tint in het +helle, recht neervallende licht. Dat is Asaila of Arsila of Arzilla, +zooals de kaarten het geven; maar de Mooren en de andere inboorlingen +spreken geen _r_ uit, zij zeggen Asaila, zooals zij Tanger uitspreken +als Tandsja. + +Voor ik hier mijn reis afbrak, wenschte ik mij met een bad in zee +te verkwikken. Ik zond dus mijn muildierdrijvers vooruit met het +bevel, de tent tegen zonsondergang op een ongeveer dertig kilometer +verder zuidelijk gelegen plek aan de kust op te slaan. Alleen de +tolk en de soldaat bleven bij mij, om tijdens het bad mijn goed te +bewaken. Nauwelijks was ik in het water, dat trots de warmte van +20° C. zeer verkwikkend en opwekkend werkte, of daar kwamen van de +stad haastig groepjes mannen en kinderen aanloopen. Het waren Joden, +die uit de verte waarschijnlijk reeds de aankomst van den Europeaan +hadden gezien en nu den vreemden gast van nabij wilden bekijken. In hun +stadje zijn geen Europeanen en een naakten blanke hielden zij stellig +voor iets zeer bezienswaardigs, waar men het voor over moest hebben in +gloeiende middaghitte een poosje te draven. Beschroomd en nieuwsgierig +stonden zij daar nu te kijken, hoe ik rondzwom en fluisterden elkander +op- en aanmerkingen toe. Dan werden ze moediger en bekeken mijn op het +zand liggende kleederen, laarzen, rijzweep en de photografietoestellen, +die de tolk steeds bij zich moest hebben en voor 't gebruik moest +gereedhouden. Zoodra echter een neuswijze, kleine jodenjongen zijn +hand uitstrekte, om den zilveren knop van mijn rijzweep te bevoelen, +sloeg mijn mokhasni, die tot nu toe onverschillig naast mijn kleêren +op het zand had gezeten, met de kolf van zijn geweer tegen het been +van den knaap, zoodat de arme zondaar op het zand viel. Natuurlijk +algemeen geweeklaag, geschimp en gevloek. + +De soldaat voelt zich nu als vertegenwoordiger van den sultan en komt +nader, zijn lam been achter zich aansleepend en dreigend het geweer +zwaaiend. Ik roep den tolk toe, dat hij die menschen rustig moet +laten gaan; maar te laat, de soldaat treedt krachtig op en jaagt de +menschen weg met schoppen en kolfslagen. De tolk echter, wien ik van +het water uit verwijten toeslinger, heeft geen ander antwoord dan; +"_Son Judios, Senor_". En als 't "maar Joden" zijn, heeft men in +Marokko niets ertegen in te brengen. + +Kort daarna besteeg ik den muur van de oude vesting, een getuige van de +vroegere grootheid van Asaila. Terwijl ik nog bezig was, een gunstig +plekje voor mijn photografietoestel te zoeken, hoorde ik beneden mij +plotseling een luid geschreeuw, en ik zag tot mijn schrik, dat een +dichte hoop gepeupel saâmgeloopen was en al mijn bewegingen volgde, +terwijl mij allerlei onverstaanbare woorden werden toegeroepen. Dat +het niet veel welwillends was, wat men mij aan 't verstand wenschte te +brengen, zag ik aan de snelle bewegingen der menschen en de talrijke, +dreigende vuisten, die tot mij werden opgeheven. + +Door het rumoer alleen had ik niet tot die conclusie kunnen komen, +want deze brave Marokkanen verliezen hun veelgeroemde rust bij de +geringste aanleiding, en hoe minder zij aan feitelijkheden denken, +des te krachtiger gebruiken ze hun stemmiddelen. Eindelijk verstond +ik het woord _dsjama! dsjama!_ en nu was de oplossing van het raadsel +spoedig gevonden. Ik was bij mijn rondwandelen op de uitgebreide +vestingwerken op een plek gekomen, waar ik de verschere kalklaag niet +had opgemerkt. En juist dit stuk van Oud-Asaila was het eenige, waar +de menschen beneden belang in stelden. Men had in deze resten van de +oude vesting een moskee gebouwd, zonder minaret en zonder eenig ander +uitwendig teeken dan de nette, witte kalklaag, en zonder te weten, +welken gewijden bodem ik met mijn laarzen van een christenhond betrad, +was ik op 't dak geweest der moskee of _dsjama_ van Asaila. + +Mijn tolk was niet in de buurt, zoodat de mooie toespraak, die ik nu +boven van den vestingmuur tot het beneden staande volk hield, wel tot +de bekende parelen zal moeten worden gerekend, die men een zeker nuttig +huisdier niet moet presenteeren. Daar ik er echter vriendelijke gebaren +aan toevoegde en snel van het moskeedak verdween, om van een andere +plek mijn kiekjes te nemen, verliep het avontuur zonder erge gevolgen. + +Nu had ik eindelijk tijd en rust, het zich vóór mijn oogen uitbreidende +wonderschoone tooneel op te nemen. Een stuk europeesche Middeleeuwen +verplaatst aan de kust van den Atlantischen Oceaan en verlevendigd +door oostersche figuren in witte gewaden, alles beschenen door de +afrikaansche zon. Er is iets weemoedigs in zulke steden van vervallen +grootheid, iets dat ook aan Ravenna en aan Brugge eigen is of aan Goa +in Voor-Indië. De geweldige stadsmuur heeft in Asaila nog reuzenpoorten +voor een plaatsje, dat naar zijn tegenwoordig aantal inwoners niet +meer is dan een dorp en nog maar een bescheiden dorp. Twee groote +torens verrijzen uit het steencomplex; de een lijkt de minaret +eener verdwenen groote moskee, de andere de klokketoren van een even +spoorloos verdwenen christelijke kerk. Nu nestelen ooievaars op de +tinnen, en in de spleten en gaten van het begroeide muurwerk waren +hagedissen en vleermuizen, zwaluwen en torenvalken. Van den vroegeren +havenaanleg is niets meer te zien; de monding van het kleine riviertje, +dat even ten noorden van de stad in zee valt, is hopeloos verzand, +en de branding van den Oceaan slaat in lange golven tegen een ledige, +verlaten kust. + +En inwendig ziet men geen drukker leven. Ik steeg op het dak van +het hoogste huis, welks eigenaar, Amram Roif, voor den rijksten +jood der stad doorging. Van het ruime terras van zijn dak zag men +neer in de smalle, vuile hoofdstraat, aan beide zijden bezet met +die lage winkeltjes, waarin de moorsche koopman zijn geheelen dag +doorbrengt. Vóór elk winkeltje was een soort van schermpje neergelaten +ter bescherming van mensch en koopwaar tegen de gloeiende hitte. + +De slechts 40 K.M. lange weg naar El Araisch, de naaste groote stad +aan de kust, had ik mij als het gemakkelijkste en aangenaamste deel +der reis voorgesteld. De weg ligt onmiddellijk aan het strand en +loopt in zuid-zuidwestelijke richting zonder anderen hinderpaal +dan twee rivieren, die men onmiddellijk aan hun monding heeft te +passeeren. Daar echter dezen keer de voorjaarsregens uitgebleven +waren in dit noordwestelijk deel van het land, dat uit het oogpunt +van klimaat tegelijk onder den invloed van den Atlantischen Oceaan +en van de Middellandsche zee staat, mocht men hopen, zonder al te +groote moeilijkheden de niet overbrugde rivieren te passeeren. Naar het +gewoon verloop der dingen moeten deze voorjaarsregens de noodzakelijke +voorwaarde voor een goeden oogst zijn. Zij beginnen meestal op 't +eind van December en duren dan met een tusschenpoos in Januari tot +Mei toe. Voor reizigers in Marokko is echter de droogte een groot +gemak bij het tijdroovend en gevaarlijk passeeren der rivieren. + +Het rijden over 't vlakke, effen strand duurde echter niet lang; +de soldaat beweerde, dat wij om de afgesproken plek voor ons kamp +te bereiken, weer het land in moesten gaan. En dus trokken wij weer +voort tusschen de heuvels, die ons schadeloos stelden door het prachtig +uitzicht op de zee en de oostelijke bergen. Alles groende en bloeide, +en geheele velden erica en brem bedekten de hellingen. + +Een lange optocht van inboorlingenvrouwen, in losse groepjes +verdeeld, kwam ons tegen en kondigde door gezang zich al in de verte +aan. Het waren Berbervrouwen, die, zooals mijn gevolg meende, van +een bruiloft terugkeerden. Heele dorpen schenen uitgetrokken, want +telkens ontmoetten wij vroolijke drommen in dit stille berglandschap, +waarin dorpen en kampen zeldzaam waren. Naar oud Berbergebruik, dat +zelfs door de strenge voorschriften van den Islam niet op zij gezet +is, waren alle vrouwen ongesluierd. Met trotsch opgericht hoofd, in +haar kortgerokte kleeding, die niets heeft van de vermomming, waarin +de arabische vrouw zich op straat beweegt, lieten deze Berberinnen +zich door den Roemi bekijken. Zij zagen mij wederkeerig onbeschroomd +aan, open en vriendelijk, eerder met welwillende belangstelling dan +met boosheid of beschaamdheid. Er waren niet veel jonge vrouwen bij; +maar alle hadden regelmatige trekken en mooie oogen. + +Reeds lang had ik bemerkt, dat mijn brave soldaat zich niet meer zeker +voelde van den weg. Op den gewonen karavaanweg tusschen Tanger en Fez, +dien hij ontelbare malen was gevolgd, zal hij wel elke plek kennen; +maar hier begon hij de voorbijtrekkende ezeldrijvers te vragen, en +nu en dan keek hij bezorgd om zich heen. Ten slotte toen de zon al +zeer laag stond, en de voorbijgangers zeer schaarsch werden, zei hij, +dat wij beproeven moesten, de sporen der vooruitgezonden lastdieren +in het zand langs de kust te vinden. Geheel in duister moesten wij nu +weer afdalen naar de zee, en werkelijk konden wij dichtbij het water +de lijnrecht voortloopende sporen der muildieren herkennen. Wij +volgden die, zoo lang het ging. Op eens waren ze niet meer te zien. + +Of de karavaan zich van het strand verwijderd had, of dat wij in +onze slaperigheid niet goed toezagen, maar in elk geval was de +aansluiting verbroken, en de soldaat weigerde, den weg langs de zee +verder te volgen. Wij zouden bij de rivier komen en gevaar loopen, +in het drijfzand te raken, als wij in donker verder reden. Hij meende, +dat niets anders overbleef, dan op den opgang der maan te wachten en +dan verder te gaan, want het dorp, waar de tenten opgeslagen waren, +kon niet ver meer af zijn. + +Het was afnemende maan, voorbij laatste kwartier, en dus konden er +nog eenige uren verloopen, eer de smalle sikkel verschijnen zou, om +'t onbekende land gebrekkig te verlichten. Niet ver van het strand +stegen wij af en gaven onszelven en onzen paarden eenige rust; maar +de honger plaagde ons. Ik had sinds den morgen niets anders gebruikt +dan een paar sinaasappelen in Asaila en wat zure melk, die een der +Berbervrouwen ons onderweg geschonken had. + +Dus moest ik mij hongerig en dorstig in bet zand neerleggen en met +een sigaret de knagende maag tot rust brengen. Het duurde niet lang, +of daar begonnen de bleeke sterren aan den hemel zich achter een +sluier van wolken te verbergen, en een ondoordringbare duisternis +omhulde zee en hemel, strand en duinen. Spoedig werd het zoo donker, +dat ik niet eens meer mijn schimmel, dien de tolk op een paar pas +afstands van mij bij den teugel hield, kon onderscheiden. + +Toen volgde er plotseling een windstoot, een paar bliksemstralen en +bijna op hetzelfde oogenblik een regenbui, die ons door en door nat +maakte. Ik had mijn regenmantel bij de bagage der beladen muildieren +gelaten, daar den geheelen dag de lucht noch de barometer regen hadden +voorspeld. En toen ze kwamen aanloopen met een paardedek, nog warm +van den rug van een paard, om mij daarin te hullen, was ik al geheel +doorweekt. Toch gelukte het mij met behulp van dat kleed en met mijn +eigen lichaamswarmte na verloop van enkele uren weer droog te worden +en de plaats in het zand, waar ik lag niet doorweekt te krijgen. De +maan verscheen natuurlijk in 't geheel niet; dus moest het daglicht +worden afgewacht, dat tegen vijf uur 's morgens met moeite door de +zware regenwolken brak. + +Dit was het sein voor vertrek. Het was een droevige optocht. Menschen +en dieren waren nat, hongerig, dorstig, moe, stijf en koud. De paarden +hadden den geheelen nacht in den kletterenden regen gestaan; ze lieten +den kop hangen en zagen er bedroevend uit. Ook bij ons, menschen, +was de levensmoed tot een laag peil gezonken, en hij steeg niet, +toen de soldaat ook 's morgens den weg nog niet kon vinden. + +Met mijn kijker zocht ik den omtrek af, maar zag niets van een kamp +of van onze beladen muildieren. Geen dorp, geen tent, geen dieren +te zien. Maar daar ontdekte ik op een paar honderd pas afstands de +bruine dsjellaba van een Moor, als om te drogen, over een struik +gehangen. Waar het kleed is, kan de drager niet ver verwijderd zijn; +ik reed erop af en was hoogst verbaasd, plotseling een man hard op +mij te zien toeloopen, terwijl hij mij met alle teekenen van vreugde +begroette als een hond zijn teruggekeerden meester. + +Het was een van mijn eigen muildierdrijvers. De lieden waren met +de tenten en dieren dicht in de buurt, en wij hadden niet meer dan +een paar duizend passen van hen verwijderd in de open lucht zonder +beschutting en voedsel den nacht doorgebracht! Het was om te lachen, +maar de vermoeide paarden namen aan de vroolijkheid niet recht deel. In +een laagte, door opuntia's en agaven en allerlei doornstruiken +omringd, hadden zij een uitstekend, veilig kamp ingericht; maar ik +was te ongeduldig, om naar El Araisch, de naaste stad, te komen, +dan dat ik van het kamp gebruik wilde maken. + +Het ging weer snel zuidwaarts langs het strand, tot de hooge +muren en torens van El Araisch vóór ons oprezen, veel statiger en +schilderachtiger nog dan die van Asaila. + +El Araisch is ook een van de sterk achteruitgegane plaatsen van +Marokko, en weer trof mij het middeleeuwsche karakter der stad. Mijn +aankomst trok er sterk de aandacht. Europeesche bezoekers zijn hier +schaarsch en vooral in deze tijden van onrust werden ze bijna niet +gezien. Wij moesten over de rivier de Wadi el Koes gezet worden, om +tot de stad te naderen, en met de eerste boot, die van de stad naar +de overzijde kwam; waar ik met mijn dieren wachtte, zond ik dadelijk +een paar regels aan een spaanschen koopman, aan wien de duitsche +postdirecteur in Tanger mij had gerecommandeerd, om van hem raad te +vragen, waar ik het best mijn tenten zou opslaan. + +Het heen en weer gaan van de kleine booten, die altijd slechts één of +twee van mijn lastdieren konden overzetten, duurde geruimen tijd. Toen +ik eindelijk als laatste mijner karavaan aan de stadszijde der rivier +was afgezet, begroette mij een Europeaan, die mij tot mijn verbazing +in het Duitsch aanspraak. Hij was de eenige Duitscher in de plaats, +een oudmachinist van de keizerlijke marine, die hier als kapitein +van een der booten van den sultan tegelijk de plichten van een +havenmeester vervult. + +Onder alle steden van Marokko is El Araisch bekend om het mooiste +marktplein. Het is inderdaad een echt oostersche markt, veel +schilderachtiger dan alle andere, die ik tot nog toe in Marokko +had gezien. Maar ook zij draagt den stempel der vergankelijkheid, +alle kenteekenen van niet meer te passen in den tegenwoordigen tijd, +zooals met zooveel dingen in deze vervallende atlantische havens het +geval is, waar maar geen nieuw leven uit de ruïnen wil opbloeien. Wat +deze soek of markt van alle andere onderscheidt, is de lange rij +van mooie gewelfde zuilengalerijen, die aan twee zijden het plein +begrenzen en zulk een geschikte lijst vormen voor het bonte beeld +van kleinsteedsch handelsverkeer dat zij omsluiten. Er zijn wel bijna +honderd van die nauwe kooiachtige stalletjes, die van Noordwest-Afrika +tot in Midden-Azië de plaats van onze winkels innemen. Alle zijn ze +naar één model naast elkaâr gezet en met even hooge koepels bekroond. + +Een moorsche Rue de Rivoli, maar voor de schitterende étalages van de +parijsche winkels krijgt men hier de moorsche kooplui zelf te midden +van een bescheiden hoopje alledaagsche goederen, die duidelijk genoeg +toonen, dat men voor pracht hier geld heeft noch waardeering. Vier +moskeeën steken boven het plein op; aan de oostzij wordt het door +een prachtige, oude poort afgesloten en naar het Westen door den +vestingachtigen ingang naar de kasba, den burcht van den stadhouder, +welks geweldige muren uit den tijd der Spanjaarden in de 16de eeuw nog +versterkt zijn. Zooals de Portugeezen in Asaila hebben de Spanjaarden +in El Araisch getracht, door de havens te behouden, hun gezag in het +land te handhaven. Maar reeds in 1691 maakte sultan Mulei Ismaël met +behulp van fransche fregatten een einde aan de spaansche heerschappij. + +Voor de kleine spaansche gemeente, die nog heden in El Araisch woont, +moet het smartelijk zijn, al die getuigen van voorbijgegane spaansche +grootheid steeds voor oogen te hebben. Het sterkst krijgt men dien +indruk van troosteloos verval, als men van de zeezijde de forsche +vestingwerken aanschouwt. En 's morgens, als ik mijn bad nam, +zaten dan als getuigen van het belachelijke heden mijn soldaat +en mijn Berber als levende bewijzen van den zwaktetoestand der +tegenwoordige sultansheerschappij, die het niet waagt, zich flink +tegen een oproerigen onderdaan en zijn aanhang te verweren. Alsof +het hier buiten aan het eenzame strand van bloeddorstige aanhangers +van Boe Hamara wemelde of een sluipmoordenaar achter elk rotsblok +zich verschool, zaten daar de wakkere beschermers van mijn leven, de +mokhasni met zijn oud verroest geweer, en de Berber met in de eene hand +een knuppel en in de andere een klein vuursteenpistool, dat misschien +na den tijd van den dertigjarigen oorlog niet meer was gebruikt. + +Van El Araisch naar El Ksar el Kbir, de volgende stad, die ik wilde +bezoeken, was slechts een weg van 33 kilometer door vlak land met +slechts een enkelen rivierovergang. Men had mij telkens willen +tegenhouden om de gevaren, die het oproer meebracht, maar gelukkig +had ik mij niet laten terughouden. Als dit het "vlammend oproer" was, +dat Marokko in brand had gezet, dan moeten marokkaansche opstanden +toch al heel weinig beteekenen en niet met woelingen in andere landen +te vergelijken zijn. + +Een bloeiend landschap, heuvelachtig weideland vol bloemen, vreedzaam +voorttrekkende karavanen met trotsche kameelen, vlugge muildieren +en zingende drijvers, mooie kudden glad rundvee, wollige schapen +en langharige geiten, slechts door een enkelen grijsaard bewaakt of +door een paar halfnaakte, bruine kinderen, was dat een land, bedreigd +door burgeroorlog en bestuurswisseling, waar dreigende moordenaars +huishielden? Waar waren toch de rookende dorpen, de verwoeste oogsten, +de met lijken bedekte wegen, die ons voor twee jaren in China hadden +geleerd, wat opstand en burgeroorlog beteekenen? In andere deelen +van het rijk was het mogelijk erger; bij de noordkust en aan de +algerijnsche grens, maar hier was het land rustig en de kalmte +ongestoord. + +Toch leek het eerst nog, of er zich bezwaren zouden voordoen, want +reizigers, die pas den weg waren gegaan, berichtten dat regenbuien hem +onbegaanbaar hadden gemaakt en de rivier hadden doen zwellen. Dus wilde +ik eerst nog een kamp opslaan in een niet ver van El Araisch gelegen +dorp. Meestal zocht de mokhasni de plaats voor het kamp uit en wel +op een plaats, waar hij goede bekenden had en een goed onderkomen kon +vinden, natuurlijk kosteloos, opdat hem de anderhalven doero kostgeld, +die ik hem volgens onze overeenkomst dagelijks moest betalen, als +zuivere winst ten deel vielen. + +Dezen keer echter was er geen tijd om lang te zoeken en onverwijld +moest hij met den schout van het naaste dorp onderhandelen. Het trof +mij, dat de plek een arabische doear was, een tentdorp, zooals de +nomadische Arabieren in Marokko plegen op te richten, waar zij een +merkwaardig middending zijn tusschen hun voorvaderen, die nomaden +waren in de arabische woestijn, en de burgerlijk levende Berbers, +wier land zij voor een deel bezet hebben. Zulk een doear ziet eruit +als een kamp, dat op weg is een dorp te worden. Vorm en maaksel +der woningen zijn nog geheel die der kampen, lage, lange hallen +van gerstestroo en geitenhaar, zwartbruin en onaanzienlijk. Ook de +inwendige inrichting, die eigenlijk door afwezigheid schittert en +alleen het allernoodzakelijkste keukengerei vertoont, herinnert nog +aan de tent van een zwervend volk, sterke tegenstelling dus tot de +in de steden wonende Mooren, die zoo verweekelijkt zijn, zich graag +met pracht en praal omgeven en zich in den laatsten tijd al druk +amuseeren met photografietoestellen, speeldoozen en grammophonen. + +Om de een of andere reden en, naar ik uit de verklaringen van mijn +tolk meende te begrijpen, wegens oude stamvijandschap, weigerden de +bewoners van dit jammerlijke dorp mijn mannen het verlof, om den nacht +op hun grond door te brengen. Tegen mij als vreemdeling en ongeloovige +hadden zij, merkwaardig genoeg, niets in te brengen. Mijn Berbers +van den stam der Andsjera scheen men geen gastvrijheid te willen +verleenen. Zoo kwam het tot heftige woorden en dreigende gebaren, +en ten overvloede heette het, dat men ons met geweld verdrijven zou. + +Ik beproefde het eenige verzoeningsmiddel, dat de reiziger in +zulke gevallen heeft, dat krachtiger werkt dan alle wetten of alle +goedheid, namelijk den snooden Mammon in den vorm van goede betaling +voor alle moreele of politieke bedenkingen. Juist op dat oogenblik +kwamen echter de uit de velden en weiden naar huis gedreven kudden +aan. Lustig springend kwamen de jonge stieren binnenhuppelen in volle +vrijheid. De jonge lammeren dartelden ertusschen, en ten laatste kwamen +de merries met hun veulens, die zich dicht tegen hun voedingsbron +aandrukten. Onze hengsten bleven niet onverschillig en waren bijna +niet te houden en het algemeen tumult, dat daarbij ontstond, wekte +een soort van verbroedering onder de menschen. Tegen goed geld kregen +wij een plaats voor ons kamp, en de nacht verliep in alle kalmte. Den +volgenden dag brachten wij een kort bezoek aan El Ksar, een zeer vuile +stad, die onder de marokkaansche steden als de vuilste bekend is, +hetgeen niet weinig wil zeggen. De nauwe, donkere straten lagen dik +onder een vettig slijk; de zoogenaamde markt geleek een mesthoop. + +Nu lag vóór ons een groot tafelland vol kloven, waar de insnijdingen +weinig water voerden zelfs in den regentijd. Maar wij moesten op den +weg naar Fez nog drie vrij belangrijke rivieren passeeren, de Wargha, +de Seboe en de Sgota, eer we eindelijk weer op den eigenlijken reisweg, +den van Tanger naar Fez leidenden karavaanweg, belandden. Het doorwaden +der rivieren was telkens met veel last en moeite verbonden. Het +water schoot zoo snel en krachtig door de bedding, die vol kleine +eilandjes en hoopen steenen en afschuivingen van den oever lag, +dat men wel hulp moest hebben bij den overtocht. En zelfs als ieder +dier door een met de rivier bekend persoon aan den teugel gevoerd +werd, terwijl die persoon geheel naakt zich een weg baande door den +sterken stroom, was het nog een kunststuk, de geheele karavaan veilig +over te brengen. De onder den buik der paarden met razende snelheid +voortbruisende stroom werkte zoo verwarrend op mensch en dier, dat +men er duizelig en half bedwelmd van werd en zich willoos overgaf +aan de leiding der vooruitloopende, met het water worstelende mannen. + +Reeds bij den overgang over de Seboe hadden zich bij mijn kleine +karavaan veel andere reizigers aangesloten. Ofschoon ik deze rivier, +die ondanks haar betrekkelijk korten loop van ongeveer 500 K.M. de +belangrijkste, niet alleen van geheel Marokko, maar van geheel +Noordwest-Afrika is, niet overging bij het kruispunt met den grooten +karavaanweg, toonde toch de beweging aan de oevers, dat wij weer +in meer bezochte oorden kwamen en dichter tot de hoofdstad waren +genaderd. Inderdaad scheiden zich hier in den oostelijken hoek der +groote, vruchtbare kustvlakte, die zich als een driehoek tusschen +de rivieren Seboe en Boe Regrag uitstrekt, talrijke karavaanwegen, +die alle zich naar Fez richten. En daar bij het bekende gebrek aan +bruggen en veren ook de meest ervaren reizigers aangewezen zijn op de +hulp en de kennis der inboorlingen, die met de doorwaadbare plaatsen +vertrouwd zijn, kan men bij het wachten op de gidsen aan de oevers +altijd een echt bont tooneel van oostersch karavaanleven aanschouwen. + +Lange reeksen van zwaarbeladen, langzaam en gelijkmatig voortgaande +kameelen, grootere en kleinere groepen muildieren en ezels met luid +schreeuwende drijvers, trotsche en slecht gehumeurde ruiters met +lange geweren en bescheiden voetgangers, allen zonder onderscheid +moeten aan de steile hellingen der bedding wachten, terwijl de rivier +vuilbruine golven haastig voortstuwt, tot eindelijk de gidsen weer van +de overzij komen aanzetten. Men laat de dieren in de nabijheid grazen, +verbetert eens wat aan de schikking der lasten op den rug der beladen +beesten en gaat dan in het gras zitten, om een praatje te maken met +den eerste den beste. Natuurlijk werden er tooneelen opgehangen van +roof- en moordpartijen, terwijl de lust in fabeltjes vertellen, zoo +sterk in dit oostersche land, bij ieder verhaal den spreker zelf in +'t middelpunt der handeling plaatste en hem pochen deed op heldendaden +en met moed doorgestane gevaren. + +Van dit oogenblik af waren wij bijna nimmer meer alleen op marsch. Er +zal geen uur verloopen zijn, waarin wij niet met andere reizigers of +ten minste in het gezicht van andere groepjes langs den weg trokken, +en ook deze zelfs liet het bespeuren, dat wij nader kwamen tot het +doel, de groote hoofdstad en het handelsmiddelpunt van het land. + +Zelfs de dieren schenen vlugger en beter de aanmoedigende woorden +te begrijpen, ook zij ruiken het einde van de reis. Verwachting en +ongeduld nemen toe, en de laatste mijlen worden een kwelling. Sommigen +gaan vooruit, om te zien, of er nog altijd niets te bespeuren is van +de schitterende sprookjesstad, keert dan weer naar de lastdieren terug, +om hun gelijkmatigen reistred te bespoedigen door een ongeduldig bevel. + +Eindelijk, eindelijk, daar ontdekken wij dikke, bruingrijze, +lage stadsmuren met breede poorten, witte huizenblokken en lange, +gelijkvormige rijen en daarboven oprijzend eenige minarets en een +paar populieren en dadelpalmen. Alles is intusschen vlak en gedrukt, +weinig zich verheffend boven de vlakte, niets, dat aan een hoofdstad of +een residentie herinnert. De tolk tracht mij voor mijn teleurstelling +te troosten en zegt, dat dit slechts het nieuwe onbeduidende deel van +Fez is, dat wij, uit het Westen komend, het eerst te zien krijgen. De +werkelijke stad, de Medina, met het beroemde heiligdom van Moelei Idris +en de groote moskee, ligt verborgen en is van hier niet te zien. Het +doffe, donkere, regenweêr doet met zijn nuchtere, grijze tinten het +overige en zoo blijft er wel degelijk een gevoel van teleurstelling +over, waarmee ik op den middag van mijn twee-en-twintigsten reisdag +door de westelijke stadspoort, Bab es Segma, de heilige hoofdstad +van den sjerif van Marokko binnenrijd. + +Natuurlijk zou ik een bezoek aan het hof brengen en een uitnoodiging +liet zich dan ook niet lang wachten. Ik was zelf afwezig, toen de bode +van den sultan mij een invitatie bracht. Den dag daarna verscheen nog +eens een afgezant van Moelei Abdul Aziz, dezen keer de aan het hof in +groot aanzien zijnde engelsche instructeur der troepen kaïd Sir Harry +de Vere Maclean, om mij nog eens in optima forma uit te noodigen. Ik +was er zeer verbaasd over, daar ik opzettelijk vermeden had, mij gewoon +voor een audiëntie aan te melden, ofschoon zij veelal de hartewensch +is der talrijke reizigers, die Fez in de laatste jaren bezocht hebben. + +Vooral de republikeinsche Amerikanen doen daar sterk aan; zij +rusten niet, eer zij hun trotschen, vrijen burgerrug voor Zijne +Sjerifiaansche Majesteit gebogen hebben. Sir Harry zegt mij, dat +de sultan mij onlangs heeft gezien en naar den nieuwen Europeaan +geïnformeerd heeft bij den minister van buitenlandsche zaken, die +mij, dank zij een aanbevelingsbrief van onzen gezant, vrijheer van +Mentzingen in Tanger, reeds kende. Z.M. had nu bevolen, dat ik aan +hem voorgesteld zou worden. Er waren toen juist slechts zeer weinig +Europeanen in de stad; men had om de woelige tijden, zooveel mogelijk, +vreemdelingen geweerd. + +De stad zag er intusschen levendig genoeg uit. De maand Rebia el +Uwwel, de eerste lentemaand, was in het land gekomen en daarmee was de +reeks van feestdagen begonnen, die de Mohammedaan ter eere van zijn +Profeet viert, omdat de verjaardag van den godsdienststichter in die +maand valt. Naar een oud gebruik brengen de onderworpen stammen hun +schatting en hun eeregeschenken voor den sultan, en de gezantschappen +worden door den sultan in persoon ontvangen. De ontvangst en het +uitgeleide van die gezantschappen hebben telkens met grooten luister +plaats. De lijfwacht van den vorst en alle in de hoofdstad aanwezige +troepen worden in gala ontboden, het geheele hof is aanwezig, en een +zeer breede kring van toeschouwers in feestkleedij omlijst het bonte +tooneel, dat voor de beste gelegenheid doorgaat, om het sjerifiaansche +hof in volle pracht te aanschouwen. + +Om mij in elk geval van den aanblik dezer grootheid te verzekeren, +was ik al den eersten dag in gezelschap van mijn soldaat Embarik naar +het paleis gegaan en had de ontvangst der Kabylengezantschappen mee +aangezien. Daarbij had de sultan mij opgemerkt, ofschoon ik niet te +paard was, maar naast mijn rijdier stond. Maar buiten de officieren +der vreemde gezantschappen was geen Europeaan aanwezig, en dus was +hem de verschijning van den nieuweling dadelijk opgevallen. Toen +hij bij het einde van het feest in het inwendige van het paleis zich +terugtrok, kwam hij vrij dicht langs mijn standplaats, wierp mij een +langen onderzoekenden blik toe, en het mishaagde hem, zooals mij kaïd +Maclean mededeelde, dat ik hem niet groette. Ik wist inderdaad op dat +oogenblik niet, hoe ik groeten moest. De kotau zal Z.M. toch wel niet +verwacht hebben, den hoed afnemen is in mohammedaansche landen ver van +een eerbewijs en ongeveer op twintig pas afstands een paar hoffelijke +buigingen te maken, zou mijzelf zoo belachelijk zijn voorgekomen, +dat ik ze toch niet in ernst had kunnen volvoeren. Zoo had ik mij +uit deze _embarras de richesse_ van groetmogelijkheden gered, door +eenvoudig niets van dat alles te doen, maar den heerscher recht in +'t gelaat te zien, wat wel de aanleiding tot mijn audiëntie bij Moelei +Abdul Aziz zal geweest zijn. + +Den volgenden dag reed ik op het aangegeven uur weer het paleis binnen +en begaf mij naar het feestterrein, de _Meschwar_. Daar steeg ik af +en wachtte op de dingen, die komen zouden, mijn feestgewaad onder +een langen stofmantel verbergend. Het geweldig groote plein ligt in +het noordelijk deel van het zeer uitgebreide paleis en was thans +door een dichte menschenmenigte omgeven, die zelve weer een lijst +vormde om den in 't midden opengestelden vierhoek van soldaten. In +het midden van het voorste gelid der eene lange zijde zag ik reeds +in de verte den engelschen chef-instructeur in bovenaardsche pracht +stralen. Hij droeg een vuurroode galajas, van boven tot beneden met +zware gouden tressen bezet, ongeveer ter dubbele breedte van die der +diplomatenuniform. Op het hoofd droeg hij de hooge, scharlakenroode +sjasjia van de moorsche askari's, omwikkeld met een schitterend witten +tulband, en om de schouders had hij, als bij de oude kruisridders, +een wijden mantel zonder mouwen geslagen, gemaakt van 't fijnste, +witte mousseline. + +Toen na lang wachten de sultan zich vertoonde, door een schitterenden +hofstoet omgeven, klonk uit de rijen der soldaten den krijgsroep: +"Allah moge onzen heer de zege verschaffen!" _allah ianssar ssidna_, +die altijd wordt geuit, zoodra de sultan verschijnt. Statig reed de +vorst over het plein, en de engelsche chef-instructeur wenkte mij, +hem binnen het regeeringsgebouw te volgen. + +Daar had ik een kort onderhoud met den vorst, waarbij Sir Harry Maclean +als tolk optrad. Het was een ongedwongen praatje, dat op aardrijks- en +staatkundig gebied bleef. Ik maakte mijn verontschuldigingen over mijn +niet-groeten, en het trof mij, hoe eenvoudig en waardig het optreden +van den sultan was. Vriendelijk weerde hij mijn excuses af met het +woord, dat men van den eersten dag van zijn verblijf in Marokko kan +hooren uit den mond van hoog- en laaggeplaatsten: _la bass, la bass_ +d.i. het doet er niet toe. + + + + +NASCHRIFT. + + +Dr. Genthe's Reisbrieven zijn in 1904 in de Kölnische Zeitung +verschenen, en toen de laatste er van het licht zag, was de schrijver +reeds niet meer onder de levenden. Hij heeft op droevige wijze in +Marokko den dood gevonden. + +In Maart 1904 was hij op het punt, Fez vaarwel te zeggen; den 10den +zou hij opbreken naar de kust. Het had lang en zwaar geregend, en de +doctor had zijn gewonen namiddagrit eenige dagen moeten missen. Den +achtsten nu lokte hem een heerlijke voorjaarsdag naar buiten, en op +zijn mooie Benni-Hassan-hengst reed hij tegen drie uur in den namiddag +de westpoort uit, om niet weer terug te keeren. Hij was voor dat +rijden alleen dikwijls gewaarschuwd, maar zijn kamers in Fez waren +eng en benauwd, en er waren zooveel dingen geweest, waarvoor men hem +had gewaarschuwd en die toch goed waren afgeloopen, dat men hem het +niet euvel kan duiden, wanneer hij soms een raad in den wind sloeg. + +Er was hem wel door de regeering een bereden soldaat toegevoegd; +maar Genthe reed veelal zeer snel, om het geleide kwijt te raken en +de regeering had, om haar paarden te sparen, reeds bepaald, dat hij +alleen te voet gaande, begeleid zou worden. Zoo bleef ook toen de +soldaat achter, en den 9den kwam de man op het duitsche consulaat +melden, dat zijn heer niet terug was gekeerd. + +Waarschijnlijk heeft de reiziger den dood gevonden onder +moordenaarshand, en hebben roovers hem uitgeplunderd en daarna het +lijk verduisterd. Er is wel in de Seboe in het laatst van April een +lijk gevonden, dat als van een Europeaan voor het zijne is gehouden, +maar het was gewond en geheel naakt, en met zekerheid heeft niemand +het als het lijk van den Duitscher kunnen herkennen. + +De weg, dien hij uitgereden was, is vooral in den regentijd zeer +eenzaam, en het schijnt, dat een slecht befaamd individu El Chammar de +daad heeft bedreven, niet onmogelijk met medeweten van Dr. Genthe's +persoonlijken bediende. Allerlei nasporingen werden in het werk +gesteld; het paard werd nog in September bij den stam der Beni Mtir +teruggevonden en daaraan werden nieuwe onderzoekingen vastgeknoopt; +maar volkomen opgehelderd is de zaak nooit. + +Toch heeft men getracht, het rechtsgevoel bevrediging te schenken, +'t geen vooral noodig werd, toen des keizers bezoek in Marokko was +aangekondigd. De door de publieke opinie als moordenaars aangewezenen +werden tot levenslange gevangenisstraf veroordeeld, en de marokkaansche +regeering betaalde een som van 40.000 mark als schadeloosstelling +voor de bloedverwanten van den vermoorde. Op die wijze wordt in den +laatsten tijd vaker Marokko's schatkist aangesproken. Voor eenige +maanden is de Franschman Charbonnier er vermoord, en in 't begin van +Juli heeft het machzen in 100.000 francs schadevergoeding bewilligd. + + + + + + +AANTEEKENING + +[1] Dit uittreksel is ontleend aan: Marokko, Reiseschilderungen von +Dr. Siegfried Genthe. 2e aufl. Berlin, Allgem. Verein für Deutsche +Literatur 1906. + + + +Langs den Congo tot Brazzaville. + +Door A. KLOOS. + + +Na een voorspoedige reis over een bijkans spiegelgladde zee had de +_Albertville_, een der stoomschepen der Messageries Maritimes du Congo, +het anker laten vallen in de ruime, slechts door een smalle landtong +van den Oceaan gescheiden baai, door den machtigen Congostroom aan +zijne uitmonding gevormd. + +Al dadelijk bij het invaren maakt de rivier een grootschen +indruk. Verscheidene K.M. breed, stuwt zij hare wateren, waarvan de +gele kleur reeds den geheelen dag vóór onze aankomst den aanblik +der zee veranderde, met groote snelheid en in ongelooflijke massa +voort. Hare dichtbegroeide, vèrwijkende oevers verliezen zich in +de oneindige verte; tot aan den horizon kunnen we stroomopwaarts de +wateroppervlakte overzien,--slechts plekken eenige kleine eilanden, +hier en daar verspreid, tegen de donkere kleur van het water of tegen +den helderblauwen hemel af. + +In al zijn rustige schoonheid vertoont zich de machtige stroom aan ons +oog; niets dan een enkele kleine kano door rechtop staande inboorlingen +voortbewogen, verraadt ons de nabijheid van menschen. Geen geluid +dringt over die uitgestrektheid tot ons door, stil en indrukwekkend +ligt de Congo, zich badende in het verblindend witte, tropische +zonlicht, voor ons. + +Alleen als we over de baai naar de landtong, die we straks bij het +binnenkomen omstoomden, terugblikken, zien we dat onze aankomst +opgemerkt werd. + +Eenige sloepen, waarin ambtenaren van den Congostaat of +vertegenwoordigers van hier gevestigde Europeesche handelshuizen +gezeten zijn, bewegen zich over het water, en 't duurt niet lang +of de inzittenden haasten zich aan boord, om bij het afdoen hunner +zaken weer eens iets anders te zien dan hunne dagelijksche omgeving, +die op 't stukje grond, tusschen rivier en oceaan gelegen, dat hun +tot verblijfplaats dient, niet zeer afwisselend is; vooral ook, +om het nieuws te vernemen, dat elke stoomer uit Europa medebrengt. + +De voor ons liggende landtong, Banana geheeten, vertoont ons, op +eenigen afstand gezien, een liefelijk beeld van rust en koelte; +wuivende palmen overschaduwen met hunne sierlijke, waaiervormige +bladerkronen eenige lage, witte huizen, die met hunne helderwitte +daken scherp tegen het donkere groen afsteken. Nadere kennismaking +met Banana echter valt niet mede, althans niet wat natuurschoon +betreft. Als we ons aan land begeven hebben zien we, dat de bodem +niet veel anders is dan het zandige zeestrand, en hoewel er palmen +in overvloed op groeien, is er van anderen plantengroei bijna geen +spoor te ontdekken. Aan zijn gunstige ligging heeft Banana het dan ook +slechts te danken, dat zich hier verscheidene blanken gevestigd hebben. + +Allereerst zien we de groote factorij van het belangrijkste handelshuis +dat op den Congo handel drijft, het overal in het binnenland gevestigde +Hollandsche Huis, eene te Rotterdam bestaande vennootschap, die hier +haar hoofdkantoor voor Afrika heeft. Hare groote magazijnen, woningen +voor geëmployeerden, kantoor, werkplaatsen etc. nemen een groot deel +der oppervlakte in beslag. Al deze gebouwen zijn uitstekend onderhouden +en het geheel maakt aanstonds den indruk van groote orde en netheid; +het doet ons goed, boven deze groote vestiging onze vaderlandsche +driekleur te zien waaien. + +Nog eenige Belgische en Fransche maatschappijen hebben hier hunne +factorijen, en meer landwaarts in ontwaren we de gebouwen van het +Gouvernement van den onafhankelijken Congostaat, kantoren voor +posterijen, voor douanedienst en dergelijke. Alle huizen zijn hier +laag, van klei opgetrokken en met houten daken gedekt; over 't algemeen +maken zij met hunne witgekalkte daken, die aan alle zijden een eind +over de muren heensteken, een aangenamen indruk. + +Behalve visch, die in overvloed gevangen wordt, levert de streek +niets op, wat tot onderhoud der hier wonende blanken en zwarten +dienen kan. Bananen, de heerlijke, gezonde vrucht, die we op den +naam afgaande, hier zoeken zouden, zijn hier evenmin te vinden als +andere vrachten. De naam Banana is afgeleid van het inlandsche woord, +dat steenachtig beteekent. + +Zelfs zoet water vindt men hier niet; het voor de bewoners benoodigde +moet uren ver per kano gehaald worden. De landtong is bovendien +zoo smal, dat bij sterken wind de golven van den Oceaan somtijds +hun water tot over de halve breedte van de strook land voortstuwen, +zoodat er dan zeewater aan de binnenzijde in de baai afvloeit. + +Zijn gewicht voor den handel op den Congo ontleent Banana dan +ook slechts aan het feit, dat het is de eerste aanlegplaats der +schepen van over zee en het punt van waaruit massa's produkten van +het Congobekken verscheept worden naar Europa. Doch ons stoomschip +laat ons niet veel tijd ons hier lang op te houden; het maakt zich, +na de mail afgegeven en verdere formaliteiten vervuld te hebben, +gereed zijn weg rivieropwaarts te vervolgen. + +Het is een tocht, rijk aan natuurschoon, dien we nu maken. De vaart +van onze boot wordt hier aanmerkelijk getemperd door den sterken +stroom en we hebben ruimschoots gelegenheid te genieten van de +telkens afwisselende tafereelen, die rivier en oevers aanbieden. De +weelderige plantengroei geeft aan de eilanden en boorden der rivier +overal het voorkomen van ondoordringbare, uit het water oprijzende +groene wallen. Nergens is een plekje gronds onbegroeid; van uit het +water rijst het groen op, onafgebroken tot in de kruinen der boomen; +zelfs het oog vermag niet meer dan enkele meters in die bosschen door +te dringen. Een enkele maal passeeren we eenige bijeenstaande huizen en +hutten, een handelsfactorij, gebouwd op een open plekje aan de rivier, +dicht omringd door het onmetelijke woud, dat van alle zijden als ter +herovering van dit gebied schijnt op te dringen. + +Meestal vertelt ons de vlag, dat het een Hollandsche vestiging is. + +Deze factorijen, die hier vroeger talrijker werden aangetroffen dan +tegenwoordig, zijn de plaatsen, waar de inboorlingen hunne waren: +ivoor, gom-elastiek, grondnoten en palmolie, tegen allerlei zaken +van hunne gading komen inruilen. Vroeger was de handel hier aan +den benedenloop der rivier zeer levendig, doch deze verplaatste +zich allengs meer naar "boven" naarmate de blanken, voortdurend +zoekende elkander de loef af te steken, telkens dieper landwaarts +indrongen. Tegenwoordig zijn het hoofdzakelijk grondnoten en palmolie, +die hier worden ingeruild, hoewel uit de streken, eenige dagen +(karavaandagen) van de kust af gelegen, ook nog wel gom-elastiek en +ivoor komen. + +De belangrijke ivoor- en gom-elastiekhandel evenwel heeft hier zijn +tijd gehad; de groote neger-karavanen, die deze producten zeer diep +uit de binnenlanden naar de kust aanbrachten, worden hier niet meer +gezien; de streken, van waar deze karavanen kwamen, worden rusteloos +opgespoord door de handelshuizen, die zich, sedert het laatste +tiental jaren vooral, overal in het binnenland gevestigd hebben, en +de ruilhandel om deze voortbrengselen verlegde zich dientengevolge +duizenden K.M. meer oostwaarts. + +Door een loods gevoerd, volgt onze boot overal den stroomdraad. Nu eens +tusschen talrijke eilandjes door, dan langs den eenen oever, dan weer +langs den anderen varende, somtijds de rivier over bijna de geheele +breedte dwars overstekende, vermijden we de vele zandbanken en rotsen, +die, gevoegd bij den snellen stroom, de vaart hier zoo moeilijk en +gevaarlijk maken. Na eindelijk de gevaarlijke Montèba-bank--de rivier +is hier slechts 15-20 voet diep en de boot stoot er op verscheidene +plaatsen aan den grond--gepasseerd te zijn, bereiken we nog denzelfden +dag van ons vertrek van Banana de hoofdplaats van den Congo-Vrijstaat, +Boma. + +Een groote, ver in de rivier uitloopende pier maakt het aanleggen en +ontschepen zeer gemakkelijk. Velen onzer medepassagiers zijn bestemd +voorloopig hier te blijven. Belgen en Italianen, meestal in dienst van +den Staat, de laatsten vooral als officieren, Portugeezen, Franschen en +Hollanders voor verschillende handelshuizen, Zweden en Noren dikwijls, +die als kapitein of stuurman gewild zijn, komen hier met elke boot +aan, ter vervanging van hen, die na volbrachten diensttijd--meestal +2 of 3 jaren--naar Europa terugkeeren. + +Boma bezoekende, krijgt men niet den indruk te zijn in het +donkerste Afrika, in de nog voor weinige jaren zoo weinig bekende +Congo-streek. Ter lengte van ongeveer een K.M. loopt langs de rivier +een breede weg, waaraan, regelmatig gebouwd, verscheidene steenen +gebouwen liggen, voornamelijk winkels of toko's van Europeesche +firma's; ook vinden we hier het postkantoor. Evenals deze weg zijn +alle andere landwaarts inloopende wegen, dank zij 't toezicht dat de +Staat op 't bouwen uitoefent, breed en recht en alle worden uitstekend +onderhouden en regelmatig gereinigd. 't Ontbreken van plaveisel, +waardoor we hier van straten nog moeilijk spreken kunnen, wordt dan +ook niet al te zeer gevoeld. + +Hoewel Boma nog niet het aanzien heeft eener stad, is het de grootste +nederzetting van blanken langs den Congo. Vroeger stonden hier +slechts enkele handels-factorijen, die een, sedert dien tijd bijna +geheel verloopen, drukken handel dreven voornamelijk in palmpitten, +waarvan vele scheepsladingen verzonden werden. Sedert de staat zich +hier vestigde en er zijn hoofd-administratie inrichtte, is het aantal +der blanken en bij hen in dienst zijnde zwarten gestadig gestegen. + +De gouverneur-generaal, een groot aantal ambtenaren, werkzaam bij +de verschillende afdeelingen van bestuur en de rechterlijke macht, +verscheidene officieren en vele handelsmannen houden hier geregeld +verblijf; enkelen zelfs met hunne echtgenooten. Niet over 't hoofd +te zien is ook het groot getal zwarten, die, 't zij uit Engelsche of +Portugeesche bezittingen langs Afrika's Westkust, 't zij uit dieper +in 't binnenland gelegen streken afkomstig, zich een zekere mate van +ontwikkeling hebben eigen gemaakt en nu betrekkingen gevonden hebben +bij de post, de rechtbank, 't politiewezen of wel bij de verschillende +hier gevestigde handelshuizen. + +Verscheidene zwarten ook houden een soort winkel, en over 't algemeen +gaat hun 't zaken doen goed af. Zij vestigden zich gewoonlijk wat +verder van de rivier af, waar we ook de vele woningen en hutten van +de zwarte bevolking van Boma aantreffen. In de magazijnen, die door +Belgische, Hollandsche of Fransche handelshuizen opgericht werden, +zijn de meeste voor 't gebruik der blanken benoodigde Europeesche +artikelen, hoewel duur, tamelijk goed te krijgen; voorts vinden we +er een bonte mengeling van allerlei waren, goedkoope, veelkleurige +manufacturen, odeurs, spiegeltjes, hoeden, panongs, ('t inlandsche +kleedingstuk voor vrouwen) kralen, bellen, messen, kortom bijna +alle denkbare zaken die de begeerte kunnen opwekken, 't zij van de +meer ontwikkelde hier verblijf houdende zwarten, 't zij van de in de +omstreken wonende nog zoo goed als geheel onbeschaafde inboorlingen. + +De kleinere, meer achteraf gelegen winkels vertoonen dezelfde groote +verscheidenheid der meest uiteenloopende artikelen, meestal uitsluitend +op zwarte koopers berekend. Jammer genoeg nemen ook rhum en andere +alcoholische dranken onder de koopwaren een voorname plaats in en +deze worden gaarne door de inlanders gekocht. Zooals te begrijpen is, +maakte de oorspronkelijke ruilhandel sinds eenige jaren plaats voor +'t koopen tegen geld door den Staat in omloop gebracht. + +Verder landwaarts ingaande, bemerken we langs de zachtjes opgaande +helling eener heuvel die achter Boma oprijst, vele meer officieele +gebouwen, die tot bureaux van den Staat of woningen van ambtenaren +dienen, o.a. het gerechtshof, de citadel en de woning van den +gouverneur-generaal. Zelfs is men hier met den aanleg van een park +begonnen. + +De wandeling door Boma heeft, zoowel in 't benedengedeelte als +hierboven, een eigenaardige bekoring door de velerlei afwisseling die +zij biedt en door de mengeling van blanken en zwarten uit alle oorden +en van allerlei ontwikkeling, die men overal ontmoet. Men ziet zwarten +geheel op Europeesche wijze, of in witte pakken gekleed, waarbij +helmhoed en dikwijls wandelstok en cigarette niet ontbreken, naast +inboorlingen, die zich aan den inlandschen heupdoek hielden. Terwijl +de eersten zich hunne meerdere ontwikkeling goed bewust zijn en +zooveel mogelijk de manieren der blanken trachten na te volgen, gaan +de laatsten, gewoonlijk eetwaren op 't hoofd dragende, stil huns weegs. + +De vestiging van den Congo-Vrijstaat vooral heeft hier een grooten +omkeer teweeggebracht in de oude toestanden. Hoewel de genegenheid +bij de inlanders voor Boele Matadi (naam door de inboorlingen aan den +Staat gegeven, die steenbreker beteekent, naar 't laten springen van +rotsen voor scheepvaart en andere doeleinden) zeker niet onverdeeld +is, weten ze toch dat deze machtig is en niet met zich laat spotten; +maar aan den anderen kant is men zich vrijwel algemeen bewust, dat +onrecht, ook waar 't blanken geldt, door de overheid niet geduld wordt. + +Met 't invoeren van een geregeld bestuur is de Staat ook reeds in +'t binnenland begonnen, maar Boma valt de eer te beurt, 't eerst een +burgerlijken stand gehad te hebben ook voor negers; hunne hutten zijn +verder geheel op Europeesche wijze van nummers voorzien. + +Klachten, twisten en dergelijke kunnen op regelmatige wijze voor +'t gerecht gebracht worden, en dat de rechtbank niet schroomt ook +niet-inlanders te veroordeelen, bewijzen wel de vele gevallen, +dat aan blanken voor korter of langer tijd hunne vrijheid ontnomen +werd. De gevangenis te Boma herbergt zelfs enkelen, die voor zware +misdrijven, w.o. dikwijls mishandeling van negers, tot vele jaren +gevangenisstraf veroordeeld werden. Hoewel ook staats-ambtenaren zich, +in vroeger jaren vooral, zonder twijfel meermalen aan machtsmisbruik +schuldig gemaakt hebben, zij 't hier gezegd, dat de Staat ze, als +lichaam, al was het dan ook niet altijd even krachtig, voortdurend +heeft tegengegaan. Ondanks de campagne vooral in de Engelsche pers +telkens weer tegen den Congo-Vrijstaat gevoerd, is het een feit, +dat de gruwelijke misdrijven, die helaas in 't Congo-gebied meermalen +bedreven werden, moeten toegeschreven worden aan wreedaards, die òf +door hun misdadigen aanleg, òf door 't gemis eener beschaafde omgeving, +òf door 't feit dat hunne beenen de weelde van 't zich heerscher weten +in een groot, moeilijk te controleeren gebied niet dragen konden, +òf door welke oorzaken dan ook tot onmenschelijkheden vervielen. Door +den Staat als zoodanig werden zij niet bedreven. + +Ofschoon we de vele overige maatregelen en instellingen door den Staat +hier ingevoerd stilzwijgend voorbijgaan, wenschen we, alvorens van Boma +afscheid te nemen, nog te wijzen op de mogelijkheid door "Boele Matadi" +geopend tot het sluiten van huwelijken tusschen negers, en dezen maken +hiervan dikwijls gebruik; of ze echter het juiste inzicht hebben in de +beteekenis van het burgerlijk huwelijk, mag betwijfeld worden, getuige +de vele echtscheidingsprocessen, die Boma zelfs reeds gehad heeft. + +Van Boma gaat de reis verder naar Matadi, het verst gelegen punt aan +de rivier, dat door stoombooten bereikt kan worden. In tegenstelling +met het gedeelte beneden Boma is de stroom hier tamelijk smal; de +geweldige watermassa dringt met zeer groote snelheid tusschen de hooge, +steil oploopende oevers voort. De bergen, die met hunne steenachtige +hellingen dit gedeelte der rivier aan beide zijden omsluiten, +zeggen ons reeds, dat we het woeste, bergachtige terrein bereiken, +dat zich vanaf Matadi tot Stanley-Pool uitstrekt en waardoorheen +zich de Congo met onweerstaanbare kracht en woest geweld een weg +gebroken heeft; een weg echter, die een aaneenschakeling is van +stroomversnellingen, schietstroomen en cataracten. De steenachtige +bodem en de duizenden rotsblokken waarlangs of waaroverheen zich +het water, tallooze draaikolken vormend, bruisend en schuimend, +dikwijls onder oorverdoovend geraas voortspoedt, maken de rivier +over ± 400 K.M. voor scheepvaart totaal ongeschikt. Het laatste +gedeelte der vaart naar Matadi gaat zelfs reeds bezwaarlijk en eischt +vooral bij den zoogenaamden Duivelshoek nauwkeurige kennis van den +stroom. Deze Duivelshoek is een zeer scherpe bocht in de rivier, +juist beneden Matadi, waar het water met geweldige vaart om den sterk +vooruitspringenden rotswand heenschiet. Onder het uitvoeren van den +bijna rechten hoek, dien ons vaartuig hier moet beschrijven, dringt +de stroom het met angstwekkende snelheid en onder sterk overhellen, +dwarsover de rivier, op den tegenoverliggenden oever aan; het +minste defect aan machine of stuurtoestel zou hier zeker noodlottig +worden. Een zucht van verlichting gaat meestal op bij hen die hier +bekend zijn, als men, na deze gevaarlijke plaats gepasseerd te zijn, +Matadi voor zich ziet. + +Slechts enkele K.M. stroomopwaarts kan men de witte koppen zien der +Yellala-Falls, de laatste der reeks van cataracten boven Matadi. + +Juist tegenover de aanlegplaats onzer boot bemerken we op den +rechteroever der rivier den ouden staatspost Vivi, oorspronkelijk +gesticht door Stanley, toen deze hier bij zijn terugkomst in Afrika, +eenige jaren na zijn beroemde reis dwars door het donkere werelddeel, +voet aan wal zette, om zijne goederen--w.o. geheele booten zelfs--onder +duizenden bezwaren over het bergachtige terrein verder te vervoeren +naar Stanley-Pool. + +Het overgroote deel van alle handelsgoederen, materialen voor den +bouw van factorijen en booten, Europeesche levensmiddelen enz., die in +groote massa's voornamelijk door Engeland, Holland en Frankrijk naar +het Congo-gebied verscheept worden, is bestemd voor den Boven-Congo en +moet alzoo te Matadi gelost worden, waar de "Chemin de fer du Congo" +het transport overneemt. De grootere handelshuizen hebben hier meest +alle een factorij om dit transport te behartigen; men vindt hier +verder verscheidene winkels en zelfs eenige hotels ten gerieve der +vele blanken, die op hunne thuisreis of op weg naar boven zijnde, +hier passeeren; de Staat heeft er een belangrijken post, waarvan +vooral de douane-dienst een voornaam onderdeel uitmaakt. Van alle +goederen, die hier gelost worden moet, 't zij hier te Matadi, 't zij +te Brazzaville als ze voor Fransch-Congo bestemd zijn, 6%, van enkele, +als zout, kruit en vuurwapenen 10% invoerrechten betaald worden. De +uitgaande rechten, die de Staat hier voorts heft van de producten, +waaronder vooral ivoor en gom-elastiek, die zijn gebied verlaten, +vormen een belangrijk deel van de inkomsten der regeering. + +Wat van Matadi vooral een tweede groote nederzetting aan de rivier +maakt, is de zooeven genoemde Chemin de fer du Congo, de Congo-spoor, +die onder bijna onoverkomelijke moeilijkheden, ten koste van vele +millioenen en helaas ook van verscheidene menschenlevens--de hier +en daar langs den spoorweg staande eenzame kruisen vertellen het +ons--tusschen Matadi en Kinchassa, het eindpunt aan den Stanley-Pool, +werd aangelegd. + +Groote magazijnen tot opslag van de duizenden tonnen handelswaren, +die hier altijd op transport wachten, werkplaatsen tot het herstel +van locomotieven en waggons, waarin verscheidene blanken en honderden +zwarten bezig zijn, opslagplaatsen voor steenkolen, rangeerterreinen +etc. nemen al wat te Matadi aan eenigszins vlak terrein te vinden is +geheel in beslag. + +De naam Matadi (steen) zou moeilijk door een meer juisten vervangen +kunnen worden. De plaats werd gebouwd op het onderste gedeelte +der helling eener kale rots; de huizen staan gedeeltelijk op dezen +steenklomp en werden er gedeeltelijk in uitgehakt. + +Van wegen is hier geen sprake; ieder bouwde zijn huis, waar hij een +plaats vond, die hem eenigszins geschikt leek; de verbindingen er +tusschen worden gevormd door ongelijke paden, hier stijgend, daar +dalend, op vele plaatsen ook al in den rotswand uitgehouwen. + +Na zonsondergang is het gaan, zelfs voor hen die hier bekend zijn, +en al laat men zich ook vergezellen van een zwarten lantaarndrager, +wat trouwens bepaald noodzakelijk is, nog tamelijk gevaarlijk; maar ook +over dag waagt bijna niemand zich aan een uitstapje. Van plantengroei +is op dezen bodem geen sprake, en wanneer de zon op de naakte steenen +brandt is de hitte er haast ondragelijk; men doet hier zijne zaken +en blijft overigens zooveel mogelijk onder de beschuttende schaduw +zijner veranda. + +De meeste te Matadi aankomende passagiers weten waarheen zich te +wenden om huisvesting te vinden; zoo de ambtenaren van den Staat en +agenten van hier gevestigde handelshuizen; verder zij, die in 't bezit +zijn van introductie-brieven aan hier wonende Europeanen. Wegens de +primitieve toestanden, die men hier verwachten kan, voorzien velen +zich van dergelijke aanbevelingsbrieven, en gastvrijheid wordt in +den Congostaat gaarne verleend. + +Wie niet zoo gelukkig is, neemt zijn toevlucht tot een der hotels. Deze +zijn, een enkele betere inrichting niet te na gesproken, nu juist +niet naar de laatste eischen ingericht, hoewel de prijzen, die men +er in rekening brengt, met die van hotels van den allereersten rang +in de beschaafde wereld kunnen wedijveren. Niet zelden moet men +zich vergenoegen met een rustplaats op den vloer, terwijl men zich +tot de bevoorrechten rekenen kan, als men 's morgens het benoodigde +waschwater na niet al te veel moeite bekomen kan. Doch aan den Congo +stapt men over dergelijke kleinigheden zonder veel bedenken heen. + +Het is te begrijpen, dat de spoor een grooten omkeer te weeg bracht in +het transport van reizigers en goederen, 't welk vroeger uitsluitend +per karavaan plaats had. Toch moet men ook hier zijne eischen niet +te hoog stellen. + +Op den morgen dat we Matadi verlaten, begeven we ons vroegtijdig +naar het station. Het vertrek is bepaald op 7 uur en het is geen +zaak zijn trein te missen, daar er, behalve de treinen voor het +vervoer van goederen, slechts drie in de week loopen voor passagiers +bestemd. Het ligt voor de hand dat de dienst op dezen spoorweg nog +niet te vergelijken is bij dien op de spoorwegen in Europa. Het +reizigersverkeer is zeer beperkt; verreweg de grootste bron van +inkomsten bestaat in het vervoeren van handelsgoederen naar "boven" +of van producten--ivoor en gom-elastiek--naar beneden. Het terrein, +waarover de lijn moest worden aangelegd, leverde voorts bij nagenoeg +elken K.M. nieuwe bezwaren op en, hoewel de spoorweg-directie +voortdurend alles aanwendt om den weg te verbeteren, is men er nog +lang niet in geslaagd alle moeilijkheden--scherpe bochten, steile +hellingen en dergelijke--overal te overwinnen. + +De lange lijn, die hier en daar tientallen van K.M. achtereen door +woeste, nagenoeg onbewoonde streken voortloopt, is bovendien moeilijk +te controleeren. Natuurlijk ontbreekt het niet aan geregeld toezicht +en wordt elken dag de afstand tusschen de blokhuizen door zwarte, +daartoe aangewezen beambten, afgeloopen, maar de blokhuizen liggen +ver van elkander en gebreken kunnen toch zoo gemakkelijk onverwachts +veroorzaakt worden door de geweldige tropische regens of door het +nederstorten van steenblokken, waarmede vele berghellingen langs den +spoorweg zoover het oog reikt bedekt zijn. + +Het kleinste gebrek aan den weg kan, door de groote afstanden, +urenlang vertraging geven. Men heeft dan ook geen reden tot klagen, +als de 200 K.M., die Matadi van Thysville scheiden, voor zonsondergang +zijn afgelegd, al reed men dan hier en daar eens wat langzamer dan men +het verwachtte of al werd het geduld door oponthoud onderweg al eens +op de proef gesteld. De gedachte, dat deze afstand in Europa in enkele +uren kan worden afgelegd en 't dan niet noodig zou zijn tien uren en +meer in den warmen waggon te vertoeven, komt wel eens in ons op, doch +'t zou onverstandig zijn er reden tot klagen uit te putten. Hen, die +met Congo-toestanden bekend zijn hoort men dit dan ook trouwens niet +doen; 't is ook voldoende zich de manier te herinneren, waarop tot voor +weinige jaren de reis van Matadi naar Kinshassa gemaakt moest worden, +toen het geen zeldzaamheid was dat men, met de karavaan van dorp tot +dorp reizende, 3 tot 4 weken onderweg was, om niet al te veeleischend +gestemd te zijn. Men komt nu dan toch, tamelijk gemakkelijk gezeten, +in twee dagen aan het einde der reis. + +De gereedstaande trein, in tegenstelling met de goederentreinen bekend +als de expres, zou in Europa hoogstens op den naam tram aanspraak +kunnen maken. Behalve de machine zijn er slechts drie rijtuigen, +een waggon 1e klasse, een dito 2e en een bagagewagen. De gesteldheid +van den weg maakt het niet wel mogelijk de treinen langer te maken; +bij veel aanvraag om plaatsen, wat wel eens voorkomt na aankomst eener +mail uit Europa, laat men liever twee treinen achter elkander loopen; +ook gebeurt het niet zelden dat in dit geval een deel der passagiers +zich een paar dagen wachten moet getroosten. + +Van de zenuwachtige drukte, die dikwijls het vertrek der treinen in de +beschaafde wereld voorafgaat, bemerken we hier geen spoor. De negers, +belast met het inladen der bagage, hebben blijkbaar geen haast en +evenmin hebben dit de tien of twaalf passagiers, die de reis gaan +ondernemen. Men zoekt een plaats of wandelt, nu het nog aangenaam +koel is, wat langs het treintje op en neer in afwachting van het +sein tot vertrek, dat zich meer of minder lang wachten laat, naarmate +er wat meer of minder bagage te laden is. Er wordt trouwens op geen +vijf minuten gekeken; we hebben den geheelen dag tijd om Thysville, +dat ongeveer halfweg ligt, te bereiken en 't maakt niet veel uit, +of we er een uur vroeger of later aankomen. + +Is eindelijk alles in orde en hebben blanken en zwarten in hunne +respectieve waggons--het gebeurt zelden dat een der eerstgenoemden 2e +of een der laatsten 1e klasse reist--plaats genomen, dan verkondigen +een paar stooten op de fluit, dat de reis een aanvang neemt en spoedig +hebben we Matadi achter ons. + +'t Gezelschap waarmede we de reis maken bestaat, met uitzondering van +enkele ouderen, d.w.z. zij die na reeds eenige jaren in den Congo +doorgebracht te hebben weder naar hun werkkring terugkeeren, voor +'t grootste gedeelte uit nieuw-aangekomenen, die zich vol verwachting +naar hunne bestemming begeven. + +De draaibare rieten fauteuils, waarvan er aan elke lange zijde van +het rijtuig zes geplaatst zijn, en het tafeltje, dat zich tusschen +elke twee zetels bevindt, maken het mogelijk zich tamelijk goed voor +de lange reis in te richten. Overigens laat de inrichting der wagens +wel iets te wenschen over. Van ramen is geen sprake; wind en regen +kunnen ongehinderd door de geheel open zijkanten naar binnen komen en +maken den rit er dikwijls niet aangenamer op. Het grootste ongerief +echter vormen de massa's stof, hoofdzakelijk fijne aschdeeltjes +uit de locomotief afkomstig, die onophoudelijk naar binnen waaien; +er is meestal geen uur na het vertrek verloopen of aangezicht en +handen zijn er dermate door verontreinigd, dat men met verlangen +naar wat water uitziet. De enkelen die hierop gerekend hebben, door +in een paar flesschen waschwater mede te voeren, worden benijd door +hen, die, minder bekend met de eigenaardigheden dezer spoorreis, +dit verzuimden en wien nu niets overblijft dan gebruik te maken van +de gelegenheid tot verfrissching, die zich enkele malen voordoet, +wanneer n.l. de trein eenige minuten stopt om uit een aan den weg +op een hooge stelling geplaatsten bak zijn watervoorraad, voor den +stoomketel benoodigd, aan te vullen. + +De helderwitte kleeding, waarin velen onvoorzichtig genoeg de reis +aanvingen, heeft het zwaar te verantwoorden en nog voordat we aan +het eerste eenigszins groote station gekomen zijn, deelt ook deze +reeds in de algemeene vergrijzing. Het hardst te verduren evenwel +hebben het de oogen; bijna niemand komt aan het einde der reis, +zonder dat de pijnlijke oogleden hem op onaangename wijze aan dit +ongerief herinneren. + +Dranken of eetwaren zijn onderweg niet te krijgen; hoogstens koopt +men van inlanders, die men hier en daar, terwijl de trein oponthoud +heeft, somtijds ontmoet, eenige eieren of bananen; het benoodigde, +behalve brood en conserven ook glazen, vorken, messen, servetten, +etc. voert ieder dan ook zelf mede. + +Het is voorzeker geen luxe-trein waarin we plaats namen, en men is +gewoonlijk verheugd te Kinshassa aan te komen; doch heeft de reis +ook hare lichtzijde. + +Het uitzicht is bijna overal belangwekkend genoeg om wat ongerief +over het hoofd te zien; vooral het bergachtige land, de Palla-Balla +geheeten, dat we al aanstonds na het vertrek van Matadi doorrijden, +biedt een grootschen aanblik. De ruwe bergmassa's stapelen zich boven +en achter elkander op; ten deele kaal, ten deele met ondoordringbare +bosschen bedekt, strekken zich de hellingen in eindelooze +verscheidenheid uit; hier steil oprijzend tot ontzagwekkende hoogte, +daar nederdalend in nauwe dalen en ravijnen, die den aanschouwer +doen duizelen. In duizenden bochten wringt zich onze trein door deze +bergklompen heen. De weg gaat ten deele door de diepe ravijnen, +tusschen steile, hooge muren, die ons met vernietiging schijnen +te dreigen en die veelal ternauwernood ruimte genoeg overlaten om +onzen trein te laten passeeren; die ontzaglijke bergklompen geven +ons een gevoel van onmacht als we, uit de diepte er naar opziende, +slechts zeer, zeer hoog een stuk van den blauwen hemel kunnen +bespeuren. Straks weer kruipen we tegen een steile helling op, hoog +boven alle omringende lagere toppen uit, om een oogenblik later in +razende vaart bergafwaarts te snellen. We rijden over steenvlakten, +waar de zonnestralen, door den gloeienden rooden of witten bodem +teruggekaatst, ons oog verblinden, en door bosschen, waarin nauwelijks +een straal der zon den grond bereikt en waar we in de verkwikkende +koelte verademing vinden. Langs hellingen gaat het, waar de noodige +ruimte in de steenmassa moest worden uitgehouwen. Aan de eene zijde +staat hier de loodrechte, afgehakte bergwand nog op geen meter afstand; +aan de andere zijde zien we bijkans loodrecht neer op bosschen, diep +onder ons in het dal gelegen. Zóo smal is hier de weg, dat we naast +de lijn zelfs geen grond meer bespeuren en we, ons vooroverbuigende, +langs de steile helling loodrecht naar beneden blikken. + +Op enkele plaatsen wordt de rotswand beneden ons door den Congostroom +bespoeld. We bespeuren de helling niet die ons draagt, en schijnen +te zweven boven het water, dat diep beneden ons zijn weg naar de +zee vervolgt. + +Eenige K.M. volgen we den onstuimigen loop van de Lufu, die zich +onder 't vormen van een reeks watervalletjes en stroomversnellingen +naar den Congo voortspoedt; behalve den Lufu passeeren we de niet +minder snel stroomende Quillo-rivier, beide linker-zijrivieren van +den Congo. Vervolgens de Inkissi, waarover te midden eener grootsche +wildernis een brug geslagen werd onder bezwaren, die moeielijk te +overschatten zijn. Er komt geen eind aan de bochten en draaien in den +weg; altijd door gaat het bergop-, bergafwaarts; onophoudelijk gilt +de stoomfluit seinen toe aan de negerjongens, die op iederen wagen +als remmer dienst doen, om, als het naar beneden gaat den loop te +kunnen temperen. Er zijn punten, van waaruit wij de spoorbaan op vijf +of zes plaatsen tegelijk in verschillende richtingen kunnen zien, +een gevolg van de steile hellingen, plotselinge hoogten of laagten +en dergelijke hinderpalen, waardoor de ingenieurs, met den aanleg +belast, verplicht waren den weg dikwijls in cirkel- of slangvormige +lijn tegen bergen op, of naar omlaag te leiden. + +Na den nacht in Thysville doorgebracht te hebben, gaat het den +volgenden dag verder, nu wat meer geregeld in dezelfde richting. + +Tusschen Tumba en Kinshassa is het terrein minder woest en vertoont +vooral over het laatste gedeelte een min of meer afloopende, +onafzienbare vlakte, met hier en daar eenige heuvels. Behalve de +schaarsche boomgroepen bemerken we, als eenige plantengroei, dor gras, +waartusschen de witte zandgrond overal te voorschijn komt. Uren lang +rijden we door deze dorre, eenzame streek voort, tot we eindelijk heel +in de verte, vóór ons uit, het water van Stanley-Pool in de zon zien +blinken en de plek bespeuren, waar Kinshassa ligt. Spoedig komen we +voorbij n'Dolo, een der eindstations aan den Pool gelegen en bereiken +vervolgens Kinshassa, het doel onzer spoorreis. Een onaanzienlijk +houten gebouwtje, zonder eenige andere gebouwen in den omtrek, +eenzaam te midden der vlakte gelegen, doet hier dienst als station. + +Een groot gedeelte der reizigers, bestemd voor Fransch-Congo, +verlaat den trein, om van hieruit de rivier naar Brazzaville over +te steken; een ander gedeelte vervolgt de reis tot het eenige +K.M. verder gelegen Leopoldville, na Boma de belangrijkste plaats +in den Congo-Vrijstaat. Het eigenlijke eindpunt van den spoorweg is +n'Dolo; hier en te Kinshassa worden de meeste handelsgoederen, van +Matadi aangevoerd, gelost, om in stoombooten overgeladen en verder de +rivier op verzonden te worden. Langs dit gedeelte van den Congo liggen +dan ook de verschillende factorijen, vertegenwoordigende de Belgische, +Hollandsche of Engelsche firma's, die langs den bovenloop der rivier +hunne vestigingen bouwden. Geen wonder dat n'Dolo en Kinshassa, van +waar de rivier opwaarts weder over duizenden K.M. bevaarbaar wordt, +evenals Matadi, voor den handel belangrijke punten werden. De Staat +zag het gewicht van deze plek in en bouwde er zijn hoofdvestiging voor +den geheelen Boven-Congo, Leopoldville. Toch was men in de keuze der +plaats voor deze nederzetting niet gelukkig. Leopoldville ligt eenige +K.M. lager aan de rivier dan Kinshassa en n'Dolo, juist beneden den +Stanley-Pool en op het punt, waar de bergketens, die bij den Pool een +verbazend wijde kom vormen, van weerszijden naar elkander toekomen. De +breedte der rivier, voor Kinshassa ± 4 K.M. bedragende, wordt hierdoor +plotseling tot op 1/3 teruggebracht, wat natuurlijk een ongemeen +sterken stroom tengevolge heeft. Bovendien hebben de booten--bijna +100 in aantal--die de verbinding van Leopoldville met alle hooger +gelegen staatsposten in stand houden, nog de gevaarlijke, onder water +liggende rotsen te passeeren, welke juist in deze vernauwing der +rivier veelvuldig voorkomen en die ongetwijfeld altijd een ernstigen +hinderpaal voor de scheepvaart blijven zullen. + +Juist voor Leopoldville bemerken we, midden in de rivier, de eerste +der talrijke cataracten, die zich tot Matadi in een bijna onafgebroken +reeks uitstrekken. 't Is dan ook niet vreemd, dat velen zich met +verwondering afvragen hoe de staat zijn tweeden belangrijken zetel +kon vestigen op een plaats, zóó gevaarlijk en zóó moeilijk te bereiken +voor schepen. + +Zeker is Leopoldville de moeite van een bezoek wel waard, al hebben we +dan ook vanaf Kinshassa een weg van bijna 2 uren gaans af te leggen. De +grootsche werken, die men er heeft aangelegd, zijn een bewijs te meer +voor de energie, waarmede de Congo-Staat zich in Afrika vestigde en +er een geregeld bestuur tracht in te voeren. + +Wij vinden er de op Europeesche wijze gebouwde woning van den +"Commissaire de district" benevens de huizen voor de tientallen van +ambtenaren, op de regeeringsbureaux werkzaam en voor het niet minder +talrijke personeel, bij den aanleg van verschillende kunstwerken, voor +den bouw van magazijnen, stoombooten enz., benoodigd. Ten koste van +schatten gelds legde de Staat een reusachtige kade langs de rivier aan +ten behoeve der vele stoombooten, die onophoudelijk te Leopoldville uit +alle hooger gelegen streken van den Congo-staat aankomen; men maakte er +een sleephelling, waardoor de grootste booten zonder veel moeite op het +droge gehaald kunnen worden om de noodige reparatiën te ondergaan. Een +machinesmederij is er ingericht benevens een flinke werf, van waar +reeds ongeveer 100 booten, die de Staat voor zijn dienst noodig heeft, +te water werden gelaten en men bezoekt Leopoldville nooit, zonder dat +men er getuige van zijn kan, dat er voortdurend nieuwe vaartuigen, +grooter en beter ingericht dan de vorige, op stapel staan. De +honderden blanken, die te Leopoldville geregeld verblijf houden, +gewoonlijk vermeerderd met tientallen officieren en hoogere of lagere +ambtenaren, die voortdurend per boot van "boven" of per spoor van +"beneden" aankomen, maken van Leopoldville een bedrijvige plaats. In +alles treedt de regeering hier op den voorgrond; op een enkel +handelshuis na is alles hier "Staat". Politie-post, justitie-gebouwen, +hospitaal, een groot gebouw ingericht tot eetzaal, waar alle blanken in +staatsdienst gezamenlijk den maaltijd gebruiken, postkantoor, kazerne +voor de talrijke inlandsche bezetting van Leopoldville, tot zelfs een +chemisch laboratorium, werden hier door het bestuur opgericht. Hier, +waar alles met de grootste regelmaat toegaat, gevoelt men te zijn in +het middenpunt eener machtige organisatie, eener krachtsontwikkeling, +die zich tot op duizenden mijlen in het rond gevoelen laat. + +In de nog geen 20 jaren, die sedert de oprichting van den +onafhankelijken Congo-Staat verloopen zijn, is het dezen gelukt, tot +aan de uiterste grenzen van zijn gebied zijn invloed te doen gelden. + +Tot uitoefening van het bestuur is het rijk verdeeld in districten, +elk met een districtschef aan het hoofd, die onder de onmiddellijke +bevelen van de hoogste ambtenaren, de "inspecteurs d'État", den +vice-gouverneur en den gouverneur staan. Elk der districten, die +in uitgestrektheid de meeste der Europeesche rijken overtreffen, +is onderverdeeld in zônes, met een "chef de zône" aan het hoofd; +onder dezen eindelijk staan een groot aantal "chefs de poste", elk +belast met het bestuur van een staatspost, die door het gansche rijk, +op alle punten, die eenigszins van belang zijn, werden opgericht. Aan +de "chefs de poste" is het directe bestuur over de bevolking in hun +gebied toevertrouwd; zij zijn belast met de rechtspraak en hebben +voor de naleving der wetten en besluiten te zorgen. + +Door het geheele reusachtige Rijk heen werden wegen aangelegd, +zoodat het centrale bestuur te Boma en te Leopoldville in geregelde +en tamelijk goede verbinding is zelfs met de uiterste posten, die aan +de oostgrens tot in het gebied van den Boven-Nijl, aan de zuidgrens +tot aan de bronnen van de Zambesi gevonden worden. Met regelmatige +tusschenpoozen van ± 2 weken varen goed ingerichte stoomschepen naar +Stanley-ville--dat 2000 K.M. hoogerop aan de rivier ligt--en bovendien +zijn vele langs den Congo gelegen posten telephonisch met Leopoldville +en Boma verbonden. Ten behoeve van den telephoon, die zich welhaast +tot Stanley-ville toe uitstrekt, werd door bosschen en over bergen +langs de rivier een weg aangelegd, verscheidene meters breed, in +lengte den beroemden postweg op Java verre overtreffende. Over deze +geheele lengte wonen, op elke 10 K.M. afstand, zwarte beambten die +met het onderhoud belast zijn. + +Van Stanley-ville opwaarts tot het Lado, het uiterste punt in het N.O., +en in Z.O. richting tot voorbij het Tanganyika-meer, zorgen reeksen van +posten, langs zijrivieren of aan groote wegen gelegen, voor geregelde +cano- of karavaantransporten ten behoeve der reizende staats-ambtenaren +en voor den postdienst en het goederenvervoer. De reis, dwars door +Afrika, die vroeger met zoo ontzaglijk veel bezwaren gepaard ging, is +nu in enkele maanden te maken, nagenoeg zonder ontbering of gevaar en +zelfs zonder dat het noodig is, in wildernissen of onbewoonde oorden +te overnachten. Van dag tot dag liggen langs de geheele karavaan- of +kano-route, van de groote meren tot Stanley-Falls, de staatsposten +of de door de regeering opgerichte blokhuizen, die gelegenheid tot +logeeren bieden. Van uit Stanley-ville bereikt men in enkele weken +Leopoldville met de goed ingerichte staatsbooten, waarvan sommige +meer dan 20 hutten tellen. + +Naar alle richtingen is het verkeer op dezelfde wijze geregeld. Brieven +worden per post overal heen verzonden en niemand is zoo ver verwijderd +of brieven uit Europa, via Leopold-ville of Stanley-ville verzonden, +kunnen hem bereiken. In twee maanden is een brief, van uit Europa naar +Stanley-ville, het hart van Afrika, verzonden, op zijn bestemming en in +2 à 3 maanden meer, na cano- en karavaanreizen, komen de poststukken +aan op de punten aan de uiterste grenzen gelegen. Naar Europeesche +begrippen is dit wel een verbazend lange tijd, maar men vergete niet, +dat het hier betreft het gedeelte der wereld dat voor enkele tientallen +van jaren nog zoo goed als onbekend was; waar doorheen te reizen als +de moeilijkst uit te voeren en meest gevaarvolle onderneming gold en +waar reizen, met de grootste nauwgezetheid en zonder kosten te ontzien, +voorbereid, altijd jaren in beslag namen. Als bewijs voor de geregelde +verbindingen, die heden ten dage bestaan, diene het volgende: + +Een gewone brief, uit Europa verzonden aan iemand, wonend te Kinshassa, +ging bij vergissing per Oost-Afrikaansche lijn. De brief kwam aan te +Mozambique, aan de oostkust gelegen. Van hieruit reisde hij, dwars +door Portugeesch Oost-Afrika, langs het Nyassa-meer en bereikte +aan het Tanganyika-meer de eerste staatspost. Van post op post, +eerst per karavaan, vervolgens per cano verzonden, kwam hij aan te +Stanley-ville en enkele weken later ontving de geadresseerde hem, +een weinig gekreukt en bezoedeld wel is waar, doch in ongeschonden +toestand. De poststempels, waarmede de enveloppe bedekt was, maakten +het mogelijk de route nauwkeurig na te gaan en bewezen, dat voor een +brief nauwelijks 6 maanden voldoende waren om geheel alleen van uit +Europa de reis dwars door het donkere werelddeel te volbrengen. + +Hoe meer we de hedendaagsche toestanden bezien en vergelijken met die +van 20 jaren geleden, des te meer staan we verbaasd over en gevoelen +we bewondering voor wat in dit betrekkelijk korte tijdsverloop +werd tot stand gebracht. Maar--des te meer ook betreuren we het, +dat een grootsch werk, goed en flink begonnen en aanvankelijk tot +een goed einde gebracht, de inrichting van een geordend bestuur over +een streek, waar de meest barbaarsche gewoonten onder de bewoners +bestonden, een werk aldus dat tot zegen van millioenen ondernomen +werd, bezoedeld is geworden door misdadige handelingen van sommigen, +die er aan hadden mede te arbeiden. Dubbel jammer ook dat de staat, +hoewel als zoodanig niet in gebreke gebleven om machtsmisbruik, waar +dit mogelijk was, te straffen, toch zelf niet geheel vrij te pleiten +is van de beschuldiging, niet altijd met de noodige kalmte en zachtheid +te zijn opgetreden bij de vestiging en uitoefening van zijn bestuur. + +Zijn machtigen arm te doen eerbiedigen, er desnoods met geweld +ontzag voor af te dwingen, en eerst daarna te redeneeren, is, het +moet helaas gezegd, dikwijls de stelregel geweest, waarnaar te werk +gegaan werd bij de vestiging in nieuwe streken. We kennen verscheidene +volksstammen voldoende, om de meening te kunnen uitspreken dat veel +geweld achterwege had kunnen blijven, als men van het begin af het +vertrouwen der negers door rechtvaardigheid, welwillendheid en het +uitroeien alleen van verkeerde gewoonten had trachten te winnen. Zoo +men, langzaam voortgaande, met bezadigdheid overal opgetreden was, +inplaats van altijd voorop te stellen dat de negerchefs van inmenging +van den Staat in hunne gebruiken niets wilden weten, had er zeker meer +wederzijdsch vertrouwen blijven bestaan dan thans, nu men eenvoudig +zijn wil heeft kenbaar gemaakt en desnoods heeft doen eerbiedigen. Zoo +goed als het den eersten reizigers in het Congo-gebied is kunnen +gelukken, contracten met negerhoofden af te sluiten, waarbij dezen +het recht van vestiging der blanken erkenden, zoo goed had de Staat +zich in zeer veel gevallen op minzame wijze kunnen verstaan met de +groote prinsen, die een machtigen invloed op de meeste stammen hebben, +als men niet steeds zijn macht vooropgesteld had. Krachtig ingrijpen +zou, voornamelijk bij hoofden die belang hadden bij den slavenhandel, +zeker niet te vermijden geweest zijn, doch dit was dan zelfs nog een +daad van humaniteit geweest, waar het gold een einde te maken aan de +vele gruwzame gebruiken, die onder de bevolking bestonden. Later, +toen de Staat zich eenmaal had doen kennen als de macht die, zoo +mogelijk goedschiks, anders met geweld, maar toch in elk geval, +zonder omwegen bezit kwam nemen van het land, is gewapend optreden +tegen hoofden, die Boele Matadi ongaarne hun gebied zagen naderen, +dikwijls noodig geworden. + +Dezelfde opmerkingen gelden op het gebied van belasting-inning. + +Natuurlijk heeft de regeering inkomsten noodig om hare vele uitgaven +te bestrijden; voor een groot deel verkrijgt zij deze uit de opbrengst +der producten, ivoor en gom-elastiek, die de verschillende dorpen, +elk tot een zeker bedrag, moeten leveren. Het moet erkend worden dat +men niet altijd behoorlijke middelen te baat genomen heeft, om deze +voortbrengselen te verkrijgen. + +In plaats van de dorpen, vooral in het begin, niet te hoog te belasten +en de negers, door te wijzen op de betere toestanden die geschapen +werden, wat met deze belastingen te verzoenen, is dikwijls bijna +het onmogelijke gevergd en zijn er voorbeelden van, dat vrouwen +en kinderen opgepakt en weggevoerd, en chefs tot jarenlangen +dwangarbeid veroordeeld werden. Met behulp eener uit de inlanders +zelf gerecruteerde politie- en troepenmacht dwong men de bewoners +van vele streken tot aanmaak van gom-elastiek tot elken prijs; in +ontoegankelijke wildernissen, waar de moerassige ondergrond, slangen +en viervoetige roofdieren het werken levensgevaarlijk maken, werden en +worden helaas duizenden gedwongen, de gomgevende lianen op te zoeken. + +Behalve de belastingen en deze verplichte arbeid werkt nog een andere +factor mede om de bevolking van groote streken het juk van den Staat +te doen haten, en wel, de gedwongen levering van levensmiddelen. De +regeering n.l. legt verschillenden hoofden de verplichting op, eene +bepaalde hoeveelheid kippen, eieren, manioc (het hoofdvoedsel van +vele stammen) etc. op daartoe aangewezen markten te leveren. + +Meermalen geen rekening houdende met de draagkracht der streek, en +dikwijls evenmin met de woonplaats van hen die deze levensmiddelen +moeten aanbrengen, dwingt men zoodoende de bewoners van vele dorpen, +ongelooflijke afstanden af te leggen, teneinde ze te verkrijgen, +of ter markt te brengen. + +Ook werkt men, door de dorpshoofden voor de levering aansprakelijk +te stellen, ze desnoods gewapenderhand bij te staan of te dwingen, +machtsmisbruik in de hand. Niet zelden veroorzaakt de te hooge druk +wanhopige uitbarstingen, altijd weer gevolgd door onderdrukkingen, +die door hun ruw geweld wel wrok, maar zeker geen toenadering tot +stand brengen. + +Zeer te betreuren is het ook, dat de Staat in zijn rechtspleging +de lichamelijke straf opnam en zijnen zelfstandigen ambtenaren, als +chefs de poste en kapiteins der rivierbooten b.v., het recht geeft +deze straffen uit te spreken. + +De barbaarsche chicot, een soort zweep van ineengedraaide reepen +nijlpaardenhuid vervaardigd, waarmede men de arme slachtoffers, +dikwijls na enkele slagen op den blooten rug, bloedend verwondt, werd +en wordt helaas nog al te veel gebruikt. Er zijn blanken, die er een +soort van genoegen in scheppen, met dat verfoeilijke, niet genoeg te +veroordeelen werktuig voortdurend spelenderwijs in de hand te loopen, +als teeken misschien hunner macht, of waardigheid wellicht? Wel +is het toedienen van lichamelijke straffen, niet uitgesproken door +vertegenwoordigers der regeering, strafbaar en worden de bedrijvers, +bij een aanklacht ook vervolgd, maar ook de Staat zelf moest ze +niet toepassen, doch liever trachten het gruwzaam misdrijf, dat in +Afrika een soort burgerrecht verkreeg, met krachtige hand overal uit +te roeien. De bewering, dat dergelijke straffen noodig zijn, en men +er in vele gevallen niet buiten zou kunnen, wordt in Afrika dikwijls +geuit. Zij echter, die van deze meening zijn, missen òf het geduld, òf +het rechtvaardigheidsgevoel om te beproeven of men met negers ook op +andere wijze kan omgaan; of wel, zij wordt uitgesproken door lieden, +die zich nooit de moeite gaven, de zwarten ook maar eenigszins van +nabij te leeren kennen. Velen toch veronderstellen maar eenvoudig, +dat het wel zoo zijn zal. + +Gelukkig dat er anderen gevonden worden, die door hunne manier +van optreden deze opinie logenstraffen. Er zijn voorbeelden van +maandenlange karavaanreizen, soms door één enkelen blanke, vergezeld +van talrijke dragers ondernomen, gedurende welke het niet eenmaal +voorkwam, dat het gedrag der zwarten tot eenige ontevredenheid +aanleiding gaf. Een weinig tact doet hier wonderen, waarover zij, +die zoo spoedig de hand tot slaan opheffen, verbaasd zouden staan. + +Gelukkig ook dat de overheid, zoowel in den onafhankelijken Congo-staat +als in Fransch Congo, den inboorlingen het vertrouwen gegeven heeft, +dat klachten over lichamelijke kastijding met gerustheid voor het +gerecht gebracht kunnen worden; de vrees voor straf houdt velen +tenminste nu van hunne ruwe manier van optreden terug. Aan den +Beneden-Congo, in de omgeving van Boma en Leopoldville en in het +Fransche gebied te Brazzaville en omstreken behoort de chicot tamelijk +wel tot het verleden. Ten zeerste te hopen is het, dat de regeering +ook in de hooger gelegen streken spoedig op afdoende wijze tegen dit +ergerlijke misbruik zal kunnen optreden. + + + + + +Per stoomboot of per kano, het typische inlandsche vervoermiddel te +water, verlaten we te Kinshassa het gebied van den Congo-Staat om, +na den wijden Stanley-Pool overgestoken te zijn, te Brazzaville de +Fransche Colonie te betreden. + +Wie voor eenige jaren Brazzaville bezocht, zou door den aanblik der +hier en daar verspreid liggende onaanzienlijke gebouwen zeker niet op +de gedachte gekomen zijn, dat hij zich bevond in de tweede hoofdplaats +der groote Fransche kolonie aan den Congo. + +Vooral na een bezoek aan den Congo-Vrijstaat, waar overal de Staat +zoo in alle opzichten op den voorgrond treedt, moest het den bezoeker +van Brazzaville opvallen, hoe èn het gouvernement èn de handel zich +hier met een veel bescheidener plaats vergenoegden, dan dit aan den +overkant der rivier het geval was. + +Zeker moet bij deze beoordeeling niet uit het oog verloren worden, dat +Brazzaville, wat betreft de verbinding met de kust en het verkrijgen +van de hulpmiddelen voor den bouw van huizen etc. en voor het onderhoud +der blanken benoodigd, in ongunstiger omstandigheden verkeerde, dan +het reeds beschouwde gedeelte van den Vrijstaat. In den tijd toen de +spoorweg tusschen Matadi en Kinshassa nog niet bestond, was Loango, +een plaatsje aan de kust van den Oceaan gelegen, de stapelplaats, +waar de meeste goederen, uit Europa aangevoerd, werden opgeslagen +en van waaruit ze per karavaan, langs een langen en moeilijken weg, +naar Brazzaville vervoerd moesten worden. Wèl waren groote en vele +bezwaren aan dit transport verbonden. De reis het binnenland in, nam +20 à 30 dagen in beslag en vooral in den regentijd (van November tot +einde Mei ongeveer) waren de moeilijkheden niet licht te achten. Zware +regens en niet minder de tornado's, de van hevige stormen en geweldige +slagregens vergezeld gaande onweersbuien, van welker hevigheid men +zich in gematigder luchtstreken moeilijk een voorstelling maken kan, +belemmerden zeer het geregeld verkeer. De vochtigheid van den bodem, +waarop men dikwijls overnachten moest, was bovendien zeer nadeelig +voor den gezondheidstoestand der dragers. De eindelooze vlakten zijn +in dien tijd des jaars bedekt met welig opschietend gras, dat 3-5 +M. hoog wordt; dit harde, scherpe gras, neergeslagen door den wind +en den regen, bedekt het smalle voetpad, waarover de dragers achter +elkander voortgaan, met een verward kluwen, dat niettemin altijd nog +enkele meters hoog is. Men gaat er niet alleen tusschen- maar ook +onderdoor; het beneemt aan alle zijden, ook naar boven, het uitzicht; +met moeite vindt men hierin zijn weg, en als de zon er op schijnt +is de drukkende hitte er bijna ondraaglijk. Op vele plaatsen treft +men deze grasvlakten aan. Ook het trekken door de bosschen, waaronder +vooral het Mayumba-bosch berucht is, was in dat gedeelte van het jaar +eene lastige onderneming. Over berghellingen en door diepe valleien +strekt dit bosch zich uit. De hellingen zijn dikwijls zóó steil, dat +men er met behulp van lianen, wortels en stronken tegen opklimt of er +langs afdaalt; in de diepten is de bodem doorweekt en op vele plaatsen +herschapen in een moeras. Het doorwaden der menigvuldige stroompjes, op +enkele gedeelten is 10 per dag geen zeldzaamheid, is altijd tijdroovend +en lastig, soms gevaarlijk; in den regentijd in dubbele mate. + +Zoo voorttrekkende, brachten de negers de 30-35 K.G. zware +lasten naar hunne bestemming. Landwaarts ingaande bestonden deze +natuurlijk uit alle soorten van handelsgoederen, levensmiddelen en +factorij-benoodigdheden; teruggaande bracht de karavaan ivoor en +gom-elastiek naar de kust over. Wel was er een kortere weg, n.l. per +boot naar Matadi en vandaar over Manyanga langs eene karavaan-route +van ± 15 dagen naar Brazzaville, doch door de dikwijls voorkomende +twisten tusschen de stammen onderling, vooral in die streken, was +deze weg meestal gesloten. + +Dat de ontwikkeling van Brazzaville in dien tijd geen hooge vlucht +nam, en er integendeel van ontwikkeling nog bijna geen sprake was, +kan veilig voor een deel aan de lastige verbinding met de kust +toegeschreven worden. Doch slechts voor een deel; een der groote +oorzaken was zeker de weinige energie en vooral ook het gebrek aan +tact van de regeering. + +In den tijd toch toen het gouvernement te Brazzaville slechts een paar +armelijke gebouwen had, waarin de enkele ambtenaren nagenoeg zonder +meubelen of ander comfort gehuisvest waren, stonden te Leopoldville, +waar men toch bijna even groote verkeersmoeilijkheden te overwinnen +had, reeds flinke huizen voor de talrijke geëmployeerden van den +Staat; had deze er een werf, waarop hij zijne stoombooten bouwde; +een inrichting waar verscheidene blanken aan de machinerieën, hiervoor +benoodigd, bezig waren e.d. + +De karavaan-dienst van af de kust was in den Congo-Vrijstaat ook veel +beter geregeld dan in het Fransche gebied. Bijna overal had hier +de regeering, toen geen spoorweg nog het verkeer vergemakkelijkte, +wegen aangelegd, die behoorlijk van plantengroei gezuiverd en goed +onderhouden werden. Over de meeste stroompjes waren bruggen geslagen en +over de geheele lengte vond men, op elke 4 of 5 uren afstand, huizen, +die tot pleisterplaats voor doortrekkende reizigers dienden. In +nagenoeg al deze posten hield een neger in staatsdienst verblijf +om te zorgen voor water, hout om vuren aan te leggen, en dergelijke +benoodigdheden. De Staat zag verder nauwkeurig toe op de capita's, +d.z. geleiders der karavanen, die aansprakelijk waren voor het aantal +dragers waartoe zij zich verbonden hadden en voor de goede overkomst +van het transport. + +Waar de regeering van de Fransche kolonie zelfs niet bij machte +scheen, in den onmiddellijken omtrek van Brazzaville de wegen ook +maar eenigszins te doen onderhouden, ligt het voor de hand, dat van +toezicht op den langen karavaanweg naar de kust, aan deze zijde der +rivier bijna in 't geheel geen sprake was. + +De weg bestond eenvoudig uit het smalle negerpad, dat de dorpen +onderling verbond; van bruggen etc. was geen spoor te ontdekken. Ook +het toezicht op de karavanen zelf en de contrôle over de goede +aankomst liet veel te wenschen over. Wel had ook hier iedere capita +een vergunning van het gouvernement noodig en was hij verplicht deze +bij vertrek en aankomst op de Fransche posten te vertoonen, waardoor +er ook op het aantal dragers eenig toezicht uitgeoefend werd, doch +de gelden, die de regeering hierdoor van de handelshuizen, welke +deze vergunningen moesten koopen, ontving, werden niet besteed voor +verbetering van en toezicht op den weg, die de eenige verbinding met +de kust vormde. Het ontbrak niet aan voorschriften en besluiten, doch +de Franschen misten gewoonlijk de middelen en dikwijls den ernstigen +wil, deze te doen nakomen. Meermalen kwam het b.v. voor, dat sommige +lasten, waaronder dan dikwijls onderdeelen van booten en machinerieën, +die met ongeduld verwacht werden, niet aankwamen. Bij onderzoek bleek +dan meestal dat dergelijke stukken eenvoudig langs den weg weggeworpen +waren en de dragers zich naar hunne dorpen begeven hadden, vooral als +deze zich eenigszins in de nabijheid der route bevonden. Dikwijls ook +vond men balen manufacturen, kisten kralen e.d., die reeds jarenlang +vermist waren, toevallig in verschillende dorpen terug en, wat wel +eigenaardig is, gewoonlijk waren ze ongeschonden bewaard en ontbrak +er niets aan den inhoud. + +Vooral de ontwikkeling van den handel in het Fransche gebied kon en +kan op verre na niet op één lijn gesteld worden met wat de Staat in +dit opzicht bereikte. 't Is waar, er is heel wat aan te merken op +de manier van handeldrijven in den Vrijstaat èn door de particuliere +maatschappijen èn door de regeering zelf, en 't ware zeker te wenschen, +dat vooral de gom-elastiek-productie zich wat minder ontwikkeld had +en de belangen der negers wat meer in 't oog gehouden waren; doch +hoewel de Franschen zich niet onbetuigd lieten om de wonde plekken +hierin te helpen aanwijzen, er is in dit opzicht, waar het Fransch +Congo geldt, niet alleen veel maar zelfs weinig minder te zeggen dan +waar het betreft den Congo-Vrijstaat. + +Eén inrichting te Brazzaville echter--en dit is een bewijs te meer dat +de langzame ontwikkeling van de Fransche kolonie niet alleen aan de +boven omschreven moeilijkheden geweten kan worden--kon de vergelijking +met de beste Europeesche nederzettingen in den Congo-Vrijstaat +doorstaan niet alleen, maar zocht er tevergeefs haars gelijke,--de +factorij n.l. die hier gebouwd werd door de Nieuwe Afrikaansche +Handels-Vennootschap. Deze groote Hollandsche Vennootschap, die haren +handel op den Congo dreef reeds vóór de vestiging van den Vrijstaat +of de Fransche kolonie, stichtte al jaren geleden hare factorijen +langs de rivier; eerst langs het benedengedeelte, doch al spoedig na +de reis van Stanley, al dieper en dieper het land ingaande tot aan +den Stanley-Pool. Van uit Kinshassa ondernamen de Hollanders reeds +hunne tochten naar het binnenland, tot aan Stanley-Falls zelfs, in +de allereerste jaren der vestiging van den Vrijstaat, toen er van +Franschen invloed aan de overzijde nog nagenoeg niets te bespeuren +viel. + +In den invloed, dien dit groote handelshuis in den Boven-Congo, +vooral door de zeldzame energie van zijn begaafden vertegenwoordiger +ter plaatse, steeds meer ontwikkelde, zag de Staat een gevaarlijken +factor bij de vestiging van zijn gezag, zoodat na een eindelooze reeks +van moeilijkheden de Vennootschap haren hoofdzetel voor het binnenland +verplaatste naar de overzijde van den Stanley-Pool, naar Brazzaville. + +De factorij van het "Maison hollandaise", zooals het huis bij de +blanken, of van "m'fumu n'tangu" (m'fumu = heer, prins, n'tangu = +zon, m'tumu n'tangu = prins als de zon, zonneprins, zooals het wijd +en zijd van Stanley-Falls tot aan de kust bij de negers bekend is), +werd al spoedig een modelinrichting in deze streken. Zoowel wat de +uitgestrektheid als wat den aanleg van het terrein en de inrichting +der magazijnen en woonhuizen betreft, liet deze factorij alles, +wat Brazzaville verder te aanschouwen gaf, in de schaduw. Toen +de verbinding van de enkele Fransche handelsinrichtingen met de +"Post"--het terrein waar het gouvernement zich gevestigd had--niets +was dan een smal pad, dat zelfs nog niet altijd van gras gezuiverd +werd, had men op deze factorij wegen aangelegd, honderden M. lang +en verscheidene M. breed, aan weerszijden beplant met palmboomen, +die men uit den omtrek bijeengebracht had. Men vond er o.a. een +keurig aangelegde laan van mango's, bijna 1 K.M. lang, die, met de +velerlei vruchtboomen en de bamboe- en koffieaanplantingen, van de +factorij bijna een park vormden en de bewondering wekten van allen, +die Brazzaville bezochten. Geen der hier verblijvende blanken, 't zij +vertegenwoordigers der Fransche handelshuizen, 't zij ambtenaren van +het gouvernement, verzuimde dan ook het Hollandsche Huis te bezoeken, +en allen maakten gaarne gebruik van de gulle gastvrijheid die er hun +steeds geboden werd. Terwijl zelfs de hoogste ambtenaren der regeering +zich vergenoegen moesten met een woning van grauwe klei gebouwd +en met riet gedekt, waarin de noodigste meubels zelfs ontbraken, +waren de Hollanders gehuisvest in goed ingerichte huizen, tamelijk +wel gemeubeld, voorzien van houten, witgekalkte daken en tegen de +zonnestralen, ook ter zijde, door veranda's beschut. De factorij +had verder een veestapel; men vond er bloemperken, groentetuinen, +manioc-aanplantingen voor de negers, die er verblijf hielden en +een "oranje-park", dat sinaasappelen, manderijnen en citroenen +leverde. Ondanks de groote bedrijvigheid waarvan men er altijd getuige +kon zijn, was de factorij steeds, in tegenstelling met de meeste +Fransche nederzettingen, een voorbeeld van de grootste netheid en orde. + +Ook de aanwezigheid der hutten van de honderden zwarten, die er +altijd in dienst waren, liet in dit opzicht niets te wenschen. Op +verschillende punten der factorij woonden deze zwarte werklieden, +eenigszins van de hoofdwegen af, in afzonderlijke dorpen als 't ware, +bijeen. Men vond daar de tamelijk goed gebouwde hutten der Sierra +Leona's en Accra's, inboorlingen uit de Engelsche bezittingen aan de +kust, die zich hier verhuurden als timmerlieden en metselaars. Ze +zijn, over 't algemeen, vooral eerstgenoemden, flinke werklui; +spreken goed Engelsch, kunnen meerendeels lezen en schrijven, +ontvangen zelfs de in hun vaderland verschijnende couranten per +post en zijn bijna zonder uitzondering trotsch op het feit, dat zij +bewoners zijn van een Engelsche kolonie en deel uitmaken van het, in +hunne schatting, nagenoeg alles omvattende Engelsche rijk. Ook van de +kust afkomstig zijn de Whyboys, die reeds in hunne armelijke hutten +hunne mindere ontwikkeling toonen. Onder gezag van een headman komen +zij, in gezelschappen van 30-60, uit Liberia. Zij zijn zeer gehecht +aan hun vaderland en hun blijdschap kent geen grenzen, wanneer zij, +na volbrachten diensttijd zich weer naar hun geboorteplaats mogen +inschepen. Zij spreken wat gebroken Engelsch en worden in dienst +genomen voor allerlei werk aan bootenbouw en in magazijnen, waarvoor +zij door hunne groote lichaamskracht, gewoonlijk bijzonder geschikt +zijn. + +Van een geheel ander type zijn de Loango's en Cabinda's, bewoners van +de Portugeesche bezittingen aan de kust. De meesten hunner spreken +Portugeesch doch hebben van den omgang met blanken meestal niet veel +goeds overgenomen. Zij zijn gelukkig, als zij dezen in zijne kleeding +kunnen nadoen; loopen, zoodra zij als koks, waschlui of tafeljongens +iets verdiend hebben, met hoed en wandelstok, maar zijn dikwijls bekend +om hun drankzucht, hun weinige eerlijkheid en hun onbetrouwbaarheid. + +Ook uit den omtrek trekt de factorij hare werklieden. Begeerig +naar de eenige meters goedkoope katoenen stof, die er maandelijks +te verdienen vallen, komen de jongens uit de omliggende Balali- en +Bacongo-dorpen dikwijls dagreizen ver loopen om hunne diensten aan +te bieden. Na 12 maanden (zij tellen de manen) werk, dat gewoonlijk +bestaat in terreinonderhoud, vee hoeden, op eenden en kippen passen, +waterdragen etc., keeren zij dan, rijk met hunnen voorraad n'toie +naar hunne dorpen terug, om zich meestal na verloop van eenigen tijd +opnieuw te komen aanbieden, totdat zij genoeg verdiend hebben om +zich in het dorp, als bezitters van een hut, eenige geiten en kippen, +naar hun genoegen te kunnen nederzetten. + +Bovendien trof men, buiten deze geregelde bevolking der factorij nog +een aantal negers aan, van allerlei stammen diep uit de binnenlanden +afkomstig, die als houthakkers dienst deden op de booten en hier +tijdelijk hunne hutten opsloegen. En voor al deze handen was er altijd +werk; nooit stond het bedrijvige leven stil en dikwijls zelfs kwam +men arbeidskrachten te kort. + +Evenzeer als de regeering had ook dit handelshuis natuurlijk te kampen +met de moeilijkheden van het transport. Niettemin dreef men reeds een +geregelden handel met de hooger gelegen streken; voortdurend brachten +dragers goederen van de kust aan; niet alleen handelsgoederen en +levensmiddelen, maar geheele stoombooten. Deze laatste werden in dien +tijd, zooveel mogelijk in lasten van 30 K.G. uit elkander genomen, +per karavaan aangebracht, waarna ze dan aan den oever der rivier in +elkander werden gezet. + +Overal in den omtrek was "m'fumu n'tangu" bij de inboorlingen bekend, +en zonder twijfel zagen de meeste negerstammen in dit handelshuis +machtiger lichaam dan in de administratie der kolonie. + +Tot het aanzien, dat het Hollandsche Huis in deze uitgestrekte +landstreken genoot, droeg niet weinig bij--'t dient ter eere van +zijn chefs en employés gezegd--dat hier steeds streng gewaakt werd +tegen machtsmisbruik. Men had natuurlijk geen soldaten of gewapende +lieden in zijn dienst om de negers tot levering van de verschillende +voortbrengselen te dwingen; men beproefde ook geen dwang, doch zocht +slechts overal den vrijen ruilhandel te ontwikkelen, en--het huis +bevond er zich goed bij. + +Van zeer groot belang was begrijpelijkerwijs het bestaan van dit +machtige handelshuis voor de Franschen bij de vestiging van hun gezag +aan den Boven-Congo. Ontelbare malen stond het de regeering bij met +zijne--voor dien tijd en die streken--rijke hulpmiddelen. Dikwijls +voorzagen zijn magazijnen de Fransche posten aan de kust, bij Manyanga, +of te Brazzaville, van de noodige handelsgoederen of levensbehoeften, +en verscheidene malen bood het te Brazzaville zijn booten aan de +regeering aan voor het vervoer naar boven van expedities en goederen; +aanbiedingen, die steeds gaarne en dankbaar aanvaard werden. Meerdere +beroemd geworden Fransche missies vertrokken zoo op Hollandsche +stoombooten, met behulp van Hollandsch personeel naar de plaatsen +hunner bestemming. + +Meer en meer echter, naarmate de invloed der Franschen in den Congo +grooter werd, naarmate de regeering meer ambtenaren en grooter +hulpmiddelen kreeg, begon men met leede oogen de groote ontwikkeling +van den Hollandschen handel gade te slaan; het duurde niet lang of +de Vennootschap ondervond hiervan de gevolgen. Het "La France et ses +Colonies pour les Français", zoo dikwijls door regeeringspersonen en +handelaars geuit, vond misschien nergens zoo sterk zijn toepassing +als hier. Hoewel men het huis zijn reeds verkregen factorijen niet +ontnemen kon, maakte men het den handel op een andere wijze ongeveer +onmogelijk. Zonder rekening te houden met reeds verkregen rechten, +werden uitgestrekte gedeelten der kolonie in concessie uitgegeven +aan uitsluitend Fransche maatschappijen, die enkele jaren geleden, +tengevolge van kunstmatig opgewekte belangstelling en overdreven +voorstellingen, in grooten getale werden opgericht. + +Binnen korten tijd was het recht van handeldrijven met de inboorlingen +in bijna het gansche Fransche gebied tot de maatschappijen, die +eigenaars werden dezer concessies, beperkt, waardoor nagenoeg de +geheele kolonie voor den vrijen handel gesloten was. Vertoogen mochten +niet baten. Men beriep zich op de tractaten waarbij de vestiging van +Europeesche natiën in de Congo-streken geregeld werd--doch zonder +resultaat. + +'t Gevolg was, dat voor de Hollandsche vennootschap het bezit harer met +moeite verworven factorijen langs de bovenrivieren bijkans waardeloos +werd; van handeldrijven toch was geen sprake meer, nu ongeveer al deze +factorijen lagen in de concessie van de een of andere in Frankrijk +opgerichte maatschappij. + +Wel heeft men het Hollandsche element niet kunnen verdrijven en hield +het Huis zich, ondanks alle moeilijkheden en tegenwerking, staande +door transportdiensten en 't zoeken van nieuwe handelsverbindingen, +doch de vrije ontwikkeling van zijnen handel werd voor goed gefnuikt. + +Het resultaat dezer verdeeling in concessies is evenwel nòch voor +de regeering, nòch voor den handel gunstig geweest. En geen wonder +ook. Door de onbekendheid met de toestanden aan den Congo, onderschatte +men al te zeer de moeilijkheden die te overwinnen waren; men stelde +zich gouden bergen voor van de opbrengst der uitgestrekte concessies, +waar men het recht van alleenhandel hebben zou en dus over de geheele +gom-elastiek-productie te beschikken had. De teleurstelling bleef +dan ook niet uit. De nieuw opgerichte maatschappijen ondervonden al +spoedig dat oude toestanden, vooral in een land als Midden-Afrika, +maar niet met éen slag te wijzigen zijn. De vestiging in Brazzaville +zonder eerst vasten voet aan de kust te hebben, bracht onvoorziene +hindernissen en ongedachte kosten mede. Bovendien, de reis van deze +plaats naar de meeste der concessies was op zichzelf reeds bezwaarlijk +genoeg; hoeveel te moeilijker en kostbaarder werd het niet, alle +benoodigdheden en handelsartikelen naar die verafgelegen streken op +te voeren! En dan de handel zelf. Het verkennen der uitgestrekte +terreinen, waarvan zelfs geen kaarten bestonden; het uitzoeken +der goede punten voor factorijen-bouw; het bekend worden met de +eigenaardigheden der bevolking, die dikwijls nog nooit in aanraking +geweest was met Europeanen; het juist beoordeelen der artikelen, +waaraan door de negers waarde gehecht zou worden, en waarvoor ze hunne +producten, zoo deze tenminste in de concessie gevonden werden, wat ook +nog niet altijd het geval was, zouden willen inruilen,--het waren even +zoovele moeilijkheden, waarop nagenoeg in 't geheel niet gerekend was. + +Vreemd is het dan ook niet, dat de plotseling opgewekte belangstelling +voor den Congo-handel in Frankrijk spoedig aanmerkelijk bekoelde. Tal +van maatschappijen bereikten nooit eenig resultaat; vele brachten +het niet verder dan het opzoeken hunner concessies, doch konden tot +den eigenlijken handel maar nooit goed geraken. Andere leidden een +kwijnend bestaan en zagen de opbrengst van de met moeite verworven +voortbrengselen uit hun gebied, verzwolgen door de verbazend +hooge kosten, die de vestiging in deze streken medebrengt; zelfs +waren er maatschappijen, die nooit vasten voet kregen in hunne +concessie. Enkelen slechts is het gelukt, den handel in hun gebied +tot ontwikkeling te brengen. + +Het gevolg der geringe ontwikkeling van den handel gevoelde de +regeering der kolonie in een voortdurend gebrek aan de noodige +geldmiddelen om haar gezag ook maar eenigszins voldoende te +kunnen vestigen. Eerst in den laatsten tijd, nu Brazzaville tot +zetel der regeering gemaakt is, heeft het gouvernement hier eenige +behoorlijke gebouwen; tot voor kort was deze voornaamste vestiging +der Franschen aan den Boven-Congo nog niet te vergelijken met vele +der posten, die de État Indépendant langs de bijrivieren diep in +het binnenland opgericht had. Nog zijn er geheele streken, waar +geen regeeringsambtenaar te vinden is; zelfs heeft men toegelaten, +dat sommige concessies jarenlang in exploitatie gebracht waren, +zonder dat er ook maar eenige regeeringspost bestond in geheel de +wijde uitgestrektheid. En zelfs waar men de posten vond, hadden ze +zeer dikwijls gebrek aan het noodigste personeel. Van toezicht op +de handelingen van hen, wier belang toch medebracht zooveel en zoo +goedkoop mogelijk producten te verzamelen, was in sommige streken dan +ook geen sprake; van bescherming der inboorlingen tegen willekeurige +handelingen, in vele gevallen evenmin. + +Het gelukkige voorschrift, waarbij in den Franschen Congo met alle +lichamelijke straffen gebroken werd, heeft helaas niet kunnen beletten, +dat ook hier vele ergerlijke daden van machtsmisbruik voorgekomen zijn, +waaraan in enkele gevallen zelfs regeeringsambtenaren schuldig waren. + +Zeer gezien is ook in de Fransche kolonie de regeering bij de +inboorlingen niet; ook hier is een der hoofdoorzaken het innen van +belasting in gom-elastiek. Tengevolge der veelvuldige botsingen +hierdoor ontstaan, de dorpen die er voor vernield en de hoofden, die +er voor gestraft werden, zijn de oevers der Sangha b.v. langzamerhand +ontvolkt en trokken de eertijds in deze uitgestrekte streken wonende +stammen al dieper en dieper het land in. In de weinig toegankelijke +gebieden vooralsnog tamelijk veilig, leven zij hier voort in +voortdurende oneenigheid met het gouvernement; veel inspanning en tijd +zal het ongetwijfeld nog kosten, deze en vele andere stammen, die +liefst zoo weinig mogelijk met de regeering te doen willen hebben, +met den Europeeschen invloed te verzoenen en in de uitgestrekte +kolonie een goed geordend bestuur te vestigen, dat aan machtsmisbruik, +onderdrukking en verkeerde en wreede gewoonten bij de inlanders zelf, +voorgoed een einde maakt. + +Een struikelblok voor de regeeringen en ook voor de particuliere +ondernemingen in het geheele Congo-gebied is het feit, dat geen blanke +zich hier thuis gevoelt en de hieruit voortvloeiende voortdurende +wisseling van dezen. + +Zoowel zij, die er jarenlang vertoefden als de velen die eerst +sedert korteren tijd de beschaafde wereld vaarwel zegden om het +eigenaardige, primitieve Congo-leven met zijne vele ontberingen en +vermoeienissen voor een tijd mede te maken, zij allen houden het oog +gericht, ook onder de toewijding waarmede hier zoowel als elders de +taak dikwijls opgevat wordt, op het tijdstip, waarop zij zich zullen +inschepen aan boord van het stoomschip, dat hen terugvoeren zal naar +de achtergelaten betrekkingen en naar de samenleving, waarvan zij +zoolang waren uitgesloten. + +En hiervoor bestaat reden. In geen land misschien, op geen hoekje +wellicht van den aardbodem gevoelt men zich zoo van de maatschappij +uitgesloten als in deze streken. Ongetwijfeld zijn er maar weinige +door blanken bewoonde oorden, waar Europeesche invloeden een zoo +weinig beteekenende factor zijn als hier. + +Hoewel vooral in den Vrijstaat de toestanden reeds zeer veel +verschillen met die van een 20-tal jaren geleden, hoewel de +spoorweg een groote verbetering bracht in het verkeer met de kust, +en brieven zelfs de meest verwijderde streken bereiken, missen de +bewoners van alle eenigszins van de kust verwijderde plaatsen bijna +allen comfort--de eenvoudigste dingen, waaraan men in Europa zóó +gewend is dat men er hun bezit ternauwernood opmerkt, doch welker +gemis men in Afrika zoo sterk gevoelt. Lectuur, een onderhoudend +gesprek, een eenigszins gezellig verblijf en zoovele andere zaken, +vroeger nauwelijks geteld, maar waaraan men, ter ontspanning na de +afmattende warme dagen op reis of op de factorijen doorgebracht, hier +juist dubbel behoefte gevoelt, ze worden hier gewoonlijk slechts ten +deele, dikwijls totaal niet aangetroffen. Wanneer tegen den avond na +de verzengende hitte van den dag alles wat verademt en de aangename +koelte naar buiten lokt, maakt de zoo spoedig intredende duisternis en +bijna overal 't gebrek aan goede wegen zelfs een wandeling onmogelijk. + +Verfrisschende dranken blijven overal in 't binnenland buiten +het bereik der factorij-bewoners, en zelfs te Leopoldville en te +Brazzaville kan men er zich door de verbazend hooge prijzen--spuitwater +en bier b.v. kosten zooveel als de beste wijnen in Europa--bijna +niet van voorzien. Brood en aardappelen, de meest gewone en daardoor +moeilijkst te ontberen spijzen--alle blanken, die niet in de nabijheid +der kust wonen, moeten ze zich ontzeggen; het brood toch, dat op de +factorijen gebakken wordt, verdient meestal nauwelijks dien naam en +aardappelen kunnen moeilijk hooger dan tot Leopoldville en Brazzaville +opgevoerd worden. + +Mag men zich in Europa al eens af vragen: "Vanwaar toch die langzame +ontwikkeling, die bestendiging van oorspronkelijke toestanden in +een land dat toch reeds meer dan 25 jaren door blanken bezocht en +bewoond wordt",--men behoeft niet lang aan den Congo te vertoeven om +het antwoord op deze vragen te vinden. De groote hinderpaal n.l., +die een goede ontwikkeling van Midden-Afrika in alle opzichten in +den weg staat, is het ongezonde klimaat dezer streken. De koortsen, +opgewekt door de uitwasemingen der vele moerassen of overgebracht +door de muskieten, de stoornissen in de spijsverteringsorganen en de +aandoeningen van lever en milt, waaraan de blanke hier blootstaat, +zijn de hoofdoorzaken, die den Congo, en niet ten onrechte, om zijn +klimaat berucht maken. Hoewel er ook in dit opzicht veel overdreven +wordt, blijft het een uitgemaakte zaak, dat de vele ziektegevallen +dikwijls met doodelijken afloop, die onder de blanke bevolking +voorkomen, kolonisatie, of ook maar een eenigszins geregelde, meer +duurzame vestiging beletten. Het ongunstige klimaat, veel meer dan +de groote hitte--hoewel deze ook niet voorbij te zien is, waar reeds +te 7 uur in den morgen, een uur na zonsopgang dus, de thermometer +80° aanwijst--maakt, dat de blanke het land, al heeft dit ook zeker +zijn bekoring, blijft beschouwen als een tijdelijke verblijfplaats, +die hij, zoodra de omstandigheden hem dit veroorloven, gaarne tegen +de vroeger bewoonde oorden verwisselt. + +Wanneer men, op de terugreis, per spoor Matadi nadert, kan men er +getuige van zijn, hoe ieder met vreugde naar de te dezer plaatse +gereedliggende stoomboot heenblikt, zoodra zij zich bij een der +laatste bochten van den weg, eensklaps aan het oog vertoont. + +Terugreizende na een verblijf van eenige jaren in het binnenland, +kregen ook wij op dit gezicht het gevoel van rust, dat iemand +ondervindt die, na een lange poos van ingespannen, afmattend werken, +zijn doel bereikt en het werk achter den rug weet. Toen we het stevige +houten dek der groote boot betraden en de ontelbare dingen terugzagen, +waarmede we vroeger zoo vertrouwd waren, doch waaraan we in Afrika +ontwenden, gevoelden we ons terug in de maatschappij en deelden we +onwillekeurig in de algemeene opgewektheid, waarmede de tehuisreis +door alle passagiers ondernomen wordt. + + + + +In het Balkanbergland van Bulgarije. + +Naar het Fransch van L. DE LAUNAY. + + + +I. + + Algemeene beschrijving van het Balkanbergland.--De West-Balkan + en de kloven van de Isker.--De Midden-Balkan en de zone der + kalkformatie.--Dronovo en zijn houtsnijders.--Trevna.--Radevtsi + en de mijnen.--Een schilderachtig steenkolenbekken.--Het + groote Balkanwoud.--Kleurrijke dorpstooneelen.--De herberg + Boroesjtitsa en het dorschen.--De zuidhelling van den + Balkan.--Seltsi.--De ontwouding.--Door de bedding van den + stroom.--De aankomst in het dal der rozen. + + +De Balkan, het oude Hemusgebergte, vormt in zekeren zin Bulgarije's +reden van bestaan, want meer dan in alle zoogenaamde Balkanstaten vindt +men daar den eigenlijken Balkan. Dat groote gebergte, dat bijna in een +rechte lijn, eigenlijk een zeer flauwe boog, loopt, is als 't ware +de middennerf van het land en scheidt twee vlakten van elkaar. Het +is de ruggegraat, waaraan de spieren zijn bevestigd. Geologisch +gesproken, is door bewegingen, die van den Balkan uitgingen, het +geheele schiereiland ontstaan. + +Men moet zich intusschen op grond van de min of meer woeste reputatie, +die de Balkan in de geschiedenis heeft gekregen, geen Alpen, +zelfs geen Pyreneeën voorstellen. Het Rhodope-gebergte, ook nog in +Bulgarije, is vrijwat hooger in het land van Rila en Mies Alla, waar +het toppen van 2900 meter heeft. Daarbij zijn de toppen er steiler, +houden langer de sneeuw vast en maken met hun granieten steilten meer +een alpinen indruk. + +De Balkan reikt niet hooger dan 2400 meter, en de kam van het bergland, +die voor het meerendeel uit gneiss bestaat, heeft een verweerd aanzien; +de zachte hellingen zouden doen denken, dat het bergland ouder is +dan in werkelijkheid het geval is. Op een afstand lijkt daardoor de +Balkan, gezien uit de vlakte van Sofia, uit Philippopoli of in het +noorden vanaf het plateau van Plewna of Tirnovo, op een zacht golvende +zee. De schilderachtigheid lijdt er onder, ten minste naar den zin der +alpinisten, die slechts van hooge hoogten en diepe laagten droomen; +maar de Balkan heeft juist aan die geringe hoogte zijn prachtigen +rijkdom aan eeuwenoude bosschen te danken, bosschen, die niet enkel +uit dorre dennen bestaan met hun lijkkleurige tint, passend bij een +land van sneeuw en nevel, maar waar forsche beuken staan met lichte +stammen naast hooge eiken, waardoorheen het zonlicht spelen kan en +lichtende plekken tooveren kan op het groen van het heestergewas aan +hun voet en op de grijze voetpaden. + +Zooals bij zeer veel bergketenen het geval is, zijn ook bij den +Balkan de hellingen zeer verschillend, want terwijl aan den noordkant +het land langzaam in terrassen afdaalt, wordt de zuidelijke helling +plotseling door diepe dalen afgebroken, waarlangs zich een reeks van +warme bronnen vertoont. + +Voor den geoloog is de Balkan de verheffing van den bodem, die +opgeworpen is tegelijk met de Alpenketen tusschen twee vaste kernen, +namelijk het plateau van de Donau en van Zuid-Rusland aan de eene, en +het Rhodope aan de andere zijde. Zoo vormt de Balkan een voortzetting +van de Alpen in Transsylvanië, beginnend bij Orsova aan de Donau +met een richting noord-zuid en zich oost-westwaarts ten noorden van +Sofia voortzettend, om daarna in noord-oostelijke richting gaande, bij +kaap Emineh aan de Zwarte Zee te eindigen. In dat laatste gedeelte, +voorbij Slivno, worden de verheffingen lager, er doen zich groote +vlakten voor en de kamhoogte neemt langzamerhand af van 800 meter +in het westen tot 400 in het oosten. De aardrijkskundigen rekenen +gewoonlijk een beperkter terrein tot den Balkan, namelijk van af de +Stara Planina tot ten oosten van de kloven der Isker. + +Op de kaarten onderscheidt men buitendien in de keten tusschen Vratsa +en kaap Emineh een geheele reeks van plaatselijke Balkans, gewoonlijk +genoemd naar de naburige stad, waaronder, van het westen naar het +oosten gaande de belangrijkste zijn de Balkans van Berkowitza, van +Vratsa, van Etropole van Zlatitsa, Veliki Slivno en noordwaarts die +van Kodsja en Karnabad. + +Ten noorden en ten zuiden bestaan er nog parallelle ketenen, zooals +de Balkan van Derbend en in het zuiden die van Toendsja, de Sredna +Gora of Karadsja-Dagh, die niet veel meer is dan een hooge heuvel. + +Ik kom straks uitvoerig op den centralen Balkan terug, waar ik mijn +eerste exploratie in Bulgarije heb gedaan; maar eerst moet ik een +denkbeeld geven van den West-Balkan, door dien te volgen langs de +hoofdinsnijding, de kloven van de Isker, waar wij een geheel ander +landschap krijgen te zien dan in den centralen Balkan van Radevtsi. + +Van Sofia naar Plewna en Roestsjoek is de weg, dien wij zullen volgen, +als het ware aangegeven door den eigenaardigen doorgang van de rivier +de Isker door het bergland. Logisch schijnt het bekken van Sofia zijn +natuurlijke afwatering te zullen hebben aan de zuidhelling van den +Balkan en in de lengte langs Zlatitsa, Derbend en de Toendsja. Een +rij van alluviale gebieden geeft op de kaarten der geologen dien +schijnbaar normalen loop aan, waar tegenwoordig verschillende vrij +hooge drempels in zijn, zooals te Derbend en te Kalofer, waar de +Balkan zich aansluit bij den Sredna Gora en het Rhodope-gebergte. In +plaats van zoo te stroomen, gaat de Isker dwars door den Balkan naar de +kust, snijdt het bergland nog eens op een plek, waar het 1400 tot 1500 +meter hoog is, en moet dus door zeer diepe dalen stroomen, waarna zij +uitkomt op de Donau-vlakte ter hoogte van ongeveer tweehonderd meter. + +Als men tegenover zulk een verschijnsel staat, dat niet zoo zeldzaam +is in bergstreken, vindt men dikwijls dadelijk de verklaring in het +feit, dat later in de buurt een groot hoofddal is gevormd, en dat +daardoor de oorspronkelijke weg is veranderd en de rivier lager dan +haar aanvankelijken loop is gebracht. Op die wijze staan de kloven +van Tamina bij Ragatz in Grauwbunderland in verbinding met een oude +bedding van den Rijn. De hoofdstroom, die een anderen loop had genomen, +heeft verder op een lager niveau gestroomd, en de Tamina heeft zich, +om die lagere bedding van den Rijn, dien zij bij Ragatz binnenvalt, +te bereiken, langzamerhand al dieper kloven uitgeschuurd. + +Met de Isker is dat niet gebeurd, en omdat het bekken van Sofia +zijn afwatering vindt naar de Donau, moet men wel denken, dat in den +aanvang de natuurlijke helling in die richting liep, dus dat de kom, +waarin Sofia lag, een hooger niveau had dan de Balkan, of dat de +afscheiding tusschen dat bekken en de Donau zoo weinig beteekende, +dat zij voor den aandrang van het water bezweek. Daar de Balkan +zeker toen, vóór hij door erosie was afgesleten, veel hooger was +dan tegenwoordig, moet men voor het bekken wel een verlaging van +duizend meter aannemen, als men den primitieven toestand met den +tegenwoordigen vergelijkt. Dat bekken nu heeft geheel het voorkomen van +een instortingsbassin, de rechtlijnige en steile grenzen, een gordel +van rotsen van eruptieve gesteenten, en langs den geheelen zuidrand een +reeks van warme bronnen. Men is dus geneigd te veronderstellen, dat de +instorting zich nog in den jongsten tijd weer heeft voorgedaan, nadat +de tegenwoordige hydrografische gesteldheid vasten vorm had aangenomen. + +Een andere aanwijzing voor die nog jonge beweging zou men in den +Balkan van Veliki kunnen vinden, waar er een groot verschil in hoogte +is tusschen den kam van het gebergte en de lijn der waterscheiding, +terwijl de hevige aardbevingen, waaraan Sofia dikwijls blootstaat, +waar toch over het geheel de centrale Balkan zeer stabiel is, een +bewijs te meer zijn voor het bestaan van een zwak gebied, dat een +algemeene lijn van dislocatie volgt. Hoe het zij, de Isker, die +in de vlakte van Sofia niet anders is dan een net van waterwegen, +die daar convergeeren, heeft al dat water tot een rivier vereenigd, +als zij langs Koemaritsa en Koerilo vloeit, om daarna in de kloven +van den Balkan te verdwijnen, en er op verschillende plaatsen een +echte geologische doorsnede te maken, die wij thans gaan beschrijven. + +De petrografische gesteldheid is hier zeer bijzonder door de +aanwezigbeid van steenkoolhoudende lagen en permische gesteenten. Langs +de Isker met haar geel water gaan we eerst zigzagsgewijze door roode, +bruine, zwarte of violette terreinen, waar de hellingen afgesleten +zijn en vol puin liggen, alsof men langs de Aumance, de Cher en de +Sioule ging. + +Het eigenlijke karakter van die bulgaarsche kloven, dat hen +vergelijkbaar maakt, niet met de granietdalen van het centraal plateau, +maar met de cannons van de Jarn en de Jonte, openbaart zich eerst +verder, als het secundaire kalkgesteente met zijn horizontale lagen +voor den dag komt en in het landschap zijn tafelvormige banken brengt, +die als kleurige terrassen boven elkander zijn gelegen, verbonden +door zachte met gras begroeide hellingen. + +Daar is de kalk verweerd en verscheurd in de hoogte, beneden vol +grotten, en zij vertoont al die vreemde erosieverschijnselen, die +verdwijningen en verschijningen van rivieren, al die kloven en +afgronden, die bij zulk een gebied behooren. De kleuren van het +gesteente loopen van het grijs tot het vermiljoen en het oranje, +afgebroken door het bleekgroen van grasvelden, waarop de struiken en +boomen donkerder vlekken werpen. Bij mooie lichteffecten kan het er +wonderbaarlijk schoon zijn. + +De weg slingert zich en kronkelt, en telkens is de aanblik weer +anders. Een oogenblik komen kristallijne rotsen voor den dag, die aan +het landschap aan de Creuse herinneren; dan volgt weer kalkgesteente, +maar nu onderstboven geworpen of opgericht tot verticale wanden +en tot door den regen afgesleten kale steilten, die op wonderlijke +natuurlijke muren gelijken. + +Als wij nu den centralen en oostelijken Balkan willen leeren kennen, +kunnen wij ons overgebracht denken naar het oude en merkwaardige +stadje Tirnovo, dat het uitgangspunt van onze reis zal zijn. Deze +Balkantochten, ondernomen eerst in September 1904, daarna in +Mei 1905, hebben achtereenvolgens tweeërlei wetenschappelijk doel +gehad, vooreerst de studie van de steenkoolformatie, die een groote +uitgebreidheid heeft tusschen Grabovo en Slivno, en dan het zoeken +van het hydrologisch verband tusschen den Balkan en het voorland der +Dobroedsja. Die studie, waarvan ik hier niet zal behoeven te spreken, +heeft mij ertoe gebracht met bijzondere zorg de streek na te gaan, +gelegen tusschen Trevna en Seltsi, dan het bergland tusschen Kazanlik +en Slivno te volgen tot Kotel, waarbij ik nu de eene, dan de andere +helling volgde. + +Andere tochten voerden mij naar het Zuiden door den Sredna Gora naar +Nova Zagora, naar het Noorden tot Djoemaïa en Sjoemla, naar het +Oosten tot Yamboli en Boergas. Van al die streken ga ik nu een en +ander vertellen. + +Bij het vertrek van Tirnovo heeft men een goeden weg, waar ook +spoedig een spoorweg zal loopen zuidwaarts naar Dronovo, Trevna en +Radevtsi, het voornaamste punt waar men tegenwoordig in den Balkan +aan steenkoolwinning doet. Na een laatsten blik op de stad Tirnovo, +die amphitheatersgewijze boven de Jantra is gebouwd, loopt de weg recht +over het plateau, en tot Trevna hebben wij het gewone schouwspel van +de voorbalkansche hoogvlakte, verbouw van koren en maïs, waar zich +hier mijnbouw bijvoegt. + +Als men de bergen nadert, krijgt men aan den zuidkant meer beschutting, +en daar het er koeler is, heeft alles in het landschap ook een +frisscher aanzien. Daar doet zich aan den kant van den weg een herberg +voor, geheel omgeven door hooge bloeiende rozen. Die bloemrijke +hagen zouden wij niet hebben kunnen zien bij Plevna of Rasgrad, +en nu bespeuren we ook hier reeds de eerste uitloopers der bergen. + +Dronovo, waar wij stil houden, is een zeer schilderachtig dorp in +oud-turkschen stijl; de bewoners hebben een zekere reputatie in het +houtsnijden, en geven er blijk van, dat ze die verdienen, door de wijze +waarop zij hun huizen hebben versierd. De donkerbruine balken zijn +voorzien van het mooiste beeldhouwwerk, en de omlijstingen van deuren +en vensters zijn eveneens sierlijk gegraveerd. In dat opzicht is het +'t allermooiste stadje dat ik in Bulgarije heb gezien, niet banaal, +niet modern, maar bestaande uit huizen van zonderling ongelijken stijl, +met overhangende daken en luifels en winkels beneden aan de straat +als bij een turkschen bazar, die schuil gaan onder afhangende luiken. + +Na Dronovo gaat het terrein meer afwisseling in hoogte bieden, en er +doen zich bosschen voor, groote wouden van prachtige eiken en beuken, +juist als bij de voorbergen van de Pyreneeën. Men passeert Trevna en +is dan midden in het bergland. De weg is dan meteen verdwenen. Wij +gingen intusschen nog verder langs het stroompje over een pad, dat +vroeger een weg was geweest, waarbij van onze vier paarden de helft +in de rivier, de andere helft op de helling liep, en zoo komen wij +eindelijk te Radevtsi, diep in het dal gelegen, op het punt, waar +plotseling de berg voor u staat, die dan enkel maar toegankelijk is +met muildieren of paarden. + +Men kan te Radevtsi twee dingen duidelijk onderscheiden, een bekoorlijk +bulgaarsch dorpje, waar het wemelt van heerlijke schildersmotieven, +en twee kilometer verder een steenkolenmijn, waarvan men maar enkele +gebouwen ziet en een eindje spoorweg, terwijl al wat er verder +bij behoort hoogerop in den berg verscholen ligt achter een zwaar +beukenbosch. In het gebouw van de mijndirectie, dat vroeger een +veel te prachtig paleis was en nu ongebruikt is en verlaten zonder +glasruiten in de vensters, zoodat van alle kanten wind en regen er +kunnen binnendringen, installeeren wij ons, om er gedurende enkele +dagen ons hoofdkwartier te vestigen. + +De volgende dagen begonnen de tochten rondom Radevtsi naar de +verschillende ontginningen der steenkool, die overal zwarte vlekken +vormen in het landschap, aan den rand der bosschen, der voetpaden +en in de diepe kloven. De bevolking is volkomen goed op de hoogte +van haar rijkdom, die met behoorlijke zorg geëxploiteerd wordt in +tallooze galerijen en waarvoor geregeld concessies worden uitgegeven. + +De voornaamste van die steenkoollagen, die van de concessie van prins +Boris, zijn al in 1871, nog ten tijde van de Turken, ontgonnen onder +leiding van een oostenrijkschen ingenieur, den heer Schroeckenstein. + +Later kwam een Franschman, die in het land was gekomen om er een +spoorweg aan te leggen, op het denkbeeld er ontginningen te doen +en vormde een fransche maatschappij, die na allerlei wisselende +ervaringen de mijnen nog in eigendom heeft. Maar de werken dier +maatschappij werden uitgevoerd met te veel pracht en weelde en +noodelooze installaties, en het gemis aan practischen zin, zoo dikwijls +kenmerkend voor industrieën, die van uit de verte bestuurd worden door +een parijschen raad van administratie, met een onbekwamen plaatselijken +chef, deed zich ook hier gevoelen. De onvoldoende afzet, dien men +wel dadelijk vooruit had kunnen zien, is aanleiding geweest, dat men +reeds lang het werk heeft gestaakt, en alleen als de ontworpen spoorweg +Tirnovo-Boroesjtitsa gereed zal zijn, zal het kunnen worden hervat. + +Buiten die exploitatie, die een echt industriëel karakter heeft +gedragen, wordt er in het klein steenkool gewonnen, nu eens aan de +oppervlakte, dan in galerijen in den berg. De kool van de oppervlakte +wordt zeer gemakkelijk gewonnen, maar het vervoer per muilezelrug +langs de bergwegen tot aan de kleine industriestadjes in den Balkan +verhoogt zeer den prijs. + +Een bezoek aan een steenkolenbekken levert gewoonlijk niets +schilderachtigs op, en er zijn weinig landen ter wereld leelijker +dan die van de belgische mijnen en die van Noord-Frankrijk en +Silezië. Ofschoon het mijnwerkersleven de stof kan leveren voor +forsch schilderwerk en mooie onderwerpen kan bieden aan de hand van +den beeldhouwer, wanneer een geniaal kunstenaar als Constantin Meunier +ze met antieken ernst behandelt, het leven zelf is vuil en treurig en +bedroevend, en in het algemeen behoeft men geen mijnwerker te worden, +om landschappelijk schoon te kunnen bewonderen. De tegenstelling +is veelal groot met een andere soort van mijnen, waar metaal uit +den bodem wordt gehaald aan de oppervlakte van de bergen, dikwijls +te midden van bosschen, waar in diepe uithollingen als grotten de +arbeiders vrij ademhalen en op hun gemak werken, om des avonds in het +licht van den ruimen horizon huiswaarts te gaan tot hun tweede leven, +dat van kleine landbouwers en hun bescheiden woning, die zij alleen +met hun gezin bewonen. + +Maar de steenkolenmijnen in den Balkan hebben alle bekoorlijkheid, +die anders eigen is aan metaalmijnen, en onze dagelijksche ritten +te paard om ze achtereenvolgens te bezoeken, waren een prettige +uitspanning. Elken morgen trokken wij zoo door de prachtige +beukenbosschen, langs lichtende voetpaden, langs groene kloven, +waarin het water ruischte, naar de verschillende mijnen en naar de +hoogten, van waar men het dal overziet. Dan daalden wij daar dikwijls +in af en bestegen, over de rivier gaande, den tegenoverliggenden +kant. Overal vond men in die bosschen, die men zich als onbegaanbaar +en woest zou voorstellen, de heerlijkste wegen, waar men zich in een +park zou wanen, en als het ons lustte, ze voor eenige oogenblikken +te verlaten, konden we nog altijd te paard door het bosch rijden, +zonder voor een van die onaangename verrassingen bang te moeten zijn, +die u op eens brengen bij een diepen afgrond, zooals er spoedig een +den stoutmoedige zou tegenhouden, in wiens brein het zou opkomen, +een dergelijke poging in de Pyreneeën te wagen. + +Ik durf niet hopen, dat het mij gelukken zal, door woord of beeld +een denkbeeld te geven van de bekoorlijkheid van dit land. Wie heeft +wel niet eens gezien, en wie kan zich niet voorstellen een bosch van +mooie beuken op een zachte berghelling, met frissche stroompjes in de +dalen en kloven? Maar de schoonheid aan de Balkanbergen eigen op hun +noordelijke helling en op hun toppen, is de verrassende uitgebreidheid +van dit woud, waar men geheele dagen lang op goed geluk door heen kan +rijden, in het door 't gebladerte gefiltreerde licht van een warme +oostersche zon, die aan de schaduwen nog haar glans verleent en u +toch niet hindert met haar gloed. + +Aan den voet der bergen, zooals te Radevtsi, heeft men overal kleine +dalen vol planten, die toch niet somber zijn, met heldere beekjes, +voortstroomend onder de boomen, te midden van weiden, over beddingen +van witte steenen, kabbelende beekjes, molens met watervalletjes +en allerliefste dorpen. Hooger, op de eerste terrassen, volgen +boomgaarden met appel- en pruimenboomen, de korenvelden op de afgeronde +heuvelhellingen, en dan beginnen spoedig de beuken- en eikenwouden, +die alle hoogere deelen van het bergland bedekken. + +Het zijn dichte bosschen met hier en daar enkele reuzenboomen, een +park, waar ons de weg gewezen wordt door een boer met bruine jas en +broek en bruine muts, die voor de leus een bijl over den schouder +draagt, alsof wij hier op deze gemakkelijke bergen ooit ons een weg +zouden hebben te banen. + +Het dorp Radevtsi, waar wij bij onze tochten steeds op terugkomen, +is een der mooist gelegene en schilderachtigste onder de vele, die +in de dalen en op de hellingen van den Noord-Balkan liggen. De leemen +huizen zijn met een witte kalklaag bestreken, en onder het overhangend +dak, dat op palen rust, is een soort van veranda of terras, op die +palen gedragen. Rondom het huis staan de hooioppers en graanhoopen, +die gele vlekken vormen in het landschap. Hier en daar zijn ze reeds +aan de herfstbezigheid, om het met behulp van paarden en ossen te +dorschen. Bij de boerenhuizen staan verder de bakkersoven, de groote +kuip voor het koken der pruimen, en de hoopen dorre bladeren en takken, +die 's winters tot ligstroo moeten dienen voor het vee. + +Denk u nu boomgaarden op den heuvel, waar de huizen tegenaan zijn +gebouwd, let op de heldere kleuren der tomaten op de velden en der +ritsen uien, die aan de balken der afdakjes hangen, en gij zult +begrijpen, dat een bulgaarsch dorp, waar de vrouwen ten overvloede +bonte hoofddoekjes en boezelaars dragen, veel kleurige tooneelen +oplevert. + +Als bij die genoegelijke tochten door de eindelooze bosschen het uur +voor den maaltijd was gekomen, hielden wij stil aan den oever eener +beek, maakten een vuur aan van takken en braadden een stukje vleesch +of een mager kipje, waaraan de buitenlucht en de vermoeidheid den +fijnsten geur verleenden. + +Dan gaat het weer verder op den ontdekkingstocht door de groote +bosschen, waar wij aan den rand de zon gloeiend zien ondergaan en +een langen blik kunnen slaan op de zacht golvende vlakten, die zich +tot heel in de verte, tot over de Donau uitstrekken. + +Enkele dorpen en schilderachtige hoekjes hebben op die tochten, +voortgezet tot op een afstand van vijftien kilometer van Radevtsi, +een eigenaardige herinnering bij mij achtergelaten. Zoo bijvoorbeeld +dat kleine gehucht Boroesjtitsa, dat binnen korten tijd de eer zal +genieten, eindpunt te worden van een spoorweg, waaraan de naam van +Transbalkanspoorweg zal toekomen. + +Het eerste beeld, dat er mij van is bijgebleven, is dat van het +overdekte terras, waar wij des middags zaten in een soort van herberg +en waar wij het uitzicht hadden op een prachtig ravijn vol zware +boomen. Achter ons waren twee deuren in den witten muur, toegang +gevend tot twee donkere ruimten. Daar zaten bulgaarsche boeren op +lage taboeretjes te eten en te praten. Op hun hoofd droegen zij de +bruine wollen muts in den vorm van een korten cylinder, waaraan men +dadelijk den Bulgaar herkent, ook hun buis is bruin, en laat, als het +openvalt, het witte hemd zien, de roode ceintuur en de bruine met +zwart gesoutacheerde broek. Wij zaten evenals zij om een zeer laag +tafeltje, etend uit de met den naam der herberg gemerkte schotels, +die de herbergierster gewoonlijk als bruidsgeschenk van haar ouders +ontvangt, en deden ons te goed aan het gewone gebraad van rundvleesch, +de pasterma. + +In de andere kamer, waarin alleen door een zeer klein venster wat +licht viel, lagen twee kleine kinderen te slapen en tusschen hen en +ons liep de vrouw heen en weer, gekleed in het costuum der streek. Ze +droeg het haar in twee lange loshangende vlechten, met een doekje +eroverheen geslagen; een donker kleedje met korte mouwen was aan het +corsage een weinig uitgesneden en liet het witte hemd zien, terwijl +de gekleurde boezelaar en de roode ceintuur beide met een paar groote +metalen haken waren vastgehecht. + +Op het soort van terrasje hingen overal aan den muur en aan balken +zakken van geitevel, ritsen uien, groenten, linnengoed en andere +nuttige zaken. Kippen vlogen heen en weer en verdwenen tusschen +het donkere latwerk. Het linnen, wat grof van draad, met donkere +rechtlijnige figuren, had de eigenaardige originaliteit van al die +stoffen, die ontsnapt zijn aan de regelmaat van de machine, een +bijzonder karakter, dat men in zooveel oostersche huizen terugvindt, +waar de stoffen door de dochters van den huize zijn gesponnen en +geweven en tot kleedingstukken vermaakt voor haar uitzet, om dan te +worden gebleekt en gedroogd op de naburige weide naast de ellenlange +nog onversneden stukken linnen. + +Het andere kleurige beeld, dat in mijn herinnering is bewaard gebleven +van het dorp Boroesjtitsa, is het dorschen van het koren. Het was +toen in het midden van September, en de gansche gelende oogst werd +onder de harde slagen veranderd in volle zakken tarwe en gerst. + +Dat dorschen is altijd een schilderachtig moment in het leven op +een boerenhoeve, zelfs in onze noordelijke landen, waar leelijke +machines ruw dit werk verrichten onder wolken van stof. Maar in dat +gouden stof heerscht algemeene vroolijkheid, want het omhult het +resultaat van veel arbeids en is nu gereed, om in goed en klinkend +geld te worden omgezet, wat op alle gezichten een vroolijken trek te +voorschijn roept. In landen echter, waar wat meer beschaving nog niet +is doorgedrongen, is dat barbaarsch vernielingswerk van het graan +een nog veel aantrekkelijker schouwspel. + +In Bulgarije gebruikt men den dorschvlegel, als men het stroo wil +bewaren voor dakbedekking, maar meestal, wanneer men niet bang is, +de halmen te breken, laat men er een houten slede over gaan, waaronder +rijen van scherpe kiezelsteenen zijn bevestigd, echte steenen messen +uit den steentijd. Wij zagen dat werk op alle hoeven aan den gang op +den dag van ons verblijf te Boroesjtitsa in het licht van de mooiste +herfstzon en in den glans van de heldere kleuren der kleederen van +vrouwen en kinderen. + +Tusschen de loodsen en schuren lag de buitendeel van hard gestampte +aarde, omgeven door leemen wanden, waar de schaduw van allerlei +vruchtboomen op viel. De bruine palen van het terrasje, waar wij hadden +gezeten, waren eveneens in schaduw afgeteekend op den blinkend gladden +grond en rechts zag men allerlei ouderwetsch houten gereedschap van +zonderlinge vormen. Daar was het weefgetouw der vrouwen, de slede, +waarmee het gezin in den winter zich bewoog over de besneeuwde +berghellingen. + +Op de heldere vlakte lagen de blinkende halmen uitgespreid, en +vlug bewoog er zich het gevaarte overheen, dat met twee ossen was +bespannen en door een vrouw met ernstig uiterlijk werd bestuurd. Zij +voedde onderwijl haar baby, terwijl op den wagen een meisje zat, +om er grootere zwaarte aan te geven. Zij geleek op de godin, die een +romeinsche zegekar mende. Soms waren alle jeugdige leden der familie +op het voertuig vereenigd en hadden de allergrootste pret. De vrouw +en het meisje, met haar zilveren armbanden, haar muntenkettingen om +den hals, haar gestreepte rokjes, witte mouwen en vaak met een groote +bloem in het haar, maken met het gekleurde doekje op de hangende +vlechten een bepaald schitterenden indruk. En altijd wisselen de +schaduwen van den stoet over het glanzig gouden graantapijt. Als dan +de ossen overal zijn geweest, zamelen vrouwen, kinderen, mannen zelfs, +de korrels in en harken het koren te zamen. + +Naast den dorschvloer hebben de hooge graanoppers, door de toevallige +zonnestralen beschenen, de tinten van meer of minder oud stroo, de +mooiste gamma van nuancen, die op de verlichte gedeelten van saffraan +tot chroom overgaat, en dan van oker en gebrand sienna tot oranje, +terwijl in de schaduw blauw, lila en bruin zijn te herkennen. + +Toen wij eindelijk Radevtsi verlieten, om naar de streek ten zuiden +van Boroesjtitsa te gaan, en door den Balkan onzen tocht naar Seltsi en +Maglisch voort zetten in het dal der Toendsja, ging het weer door het +bosch van lichtende beuken over de prachtige, slingerende voetpaden, +die zachtjes stegen, tot wij ongemerkt op de zuidhelling van den +Balkan waren gekomen. + +Voor ons rezen de bergen nog vele honderden meters hoog boven +onze hoofden; maar spoedig bemerkten we, dat de beekjes nu in +tegenovergestelde richting vloeiden en zich in zuidelijke richting +bewogen. Het stroompje, dat wij gingen volgen, liep nu eens rechts +dan links door een meer of minder ingesloten dal en ging met ons mee +tot Seltsi en Maglisch, om dan zich in de Toendsja te storten, die +zelve een zijtak is van de Maritsa en dus naar de Aegeïsche zee vloeit. + +Kort voor wij te Seltsi waren, houdt het bosch op, en het land +verandert geheel van aanzien, doordat het kalktriasgesteente aan de +oppervlakte komt en steile rotsen vormt. Aan den voet der steilten, +waarlangs het pad zich in tallooze kronkels beweegt, lag het dorp +Seltsi aan het riviertje met weer de zelfde lage en wijd uiteenstaande +huisjes, gedekt met steenen of stroo, met groote dorschvloeren, +waar haver wordt stuk geslagen, met boomgaarden om de woningen en +fel gekleurde oppers, terwijl hier de donkere achtergrond der bergen +alles nog veel mooier deed uitkomen. + +Als in alle Balkandorpen waren de onderwerpen voor schetsen in den +grootsten overvloed voorhanden. Daar was de rivier met haar houten +brug, de wilgen aan den oever, de koeien, die wat voedsel zoeken in de +steenachtige bedding, de dorschers met de op- en neergaande vlegels, +het licht op het witte linnen en het spel der schaduwen, door de +donkere terrasjes gespeeld op den witten grond, zonder dat ergens +de leelijke rechte lijn zich voordoet, waartoe wij in de beschaafde +wereld veroordeeld zijn. + +Voorbij Seltsi naar den kant van Maglisch moet er afscheid worden +genomen van het bosch; de natuur der rotsen is veranderd, en in +plaats van zandsteen, geschikt voor den groei van lage planten +en boomen, is gneiss gekomen, dat overal verbrokkeld is en los, +verscheurd tot diepe kloven of tot zandige vlakten verpoeierd. Het +karakter van het land is nu echt dat van de zuidhelling geworden, +dat, waarschijnlijk onder den invloed van de Turken, die vroeger +hun gezag veel krachtiger op de zuidhelling lieten gelden, bijna al +haar bosschen heeft verloren. Wanneer men gewoon is geraakt aan het +rijden tusschen de heerlijkste beukenwouden, bedroeft men zich nog +meer dan anders over zulk kaal land, waartegen gelukkig de regeering +maatregelen begint te nemen, door het aanleggen van bosschen, nu nog +arme kleine boompjes, niet bestand tegen het knagen van de grazende +geiten, en dus maar langzaam groeiend. + +Tusschen Seltsi en Maglisch zou het stroompje, dat al te nauw door de +rotsen wordt ingesloten, geen bruikbaren weg meer voor ons opleveren, +dus begonnen wij tegen de begroeide hellingen op te klauteren, waar +het vol lag met losse steenen, om iets verder weer in de bedding +af te dalen. Daarbij wonnen wij vooreerst een prachtig gezicht op +de kloven, als met zaagtanden in de rotsen geslagen, en waar aan +den eenen kant alle afloopende terrassen in donkere schaduw liggen, +terwijl zich de overkant in een zee van licht baadt. Daarna vertoont +zich bij het overtrekken van een bergpas plotseling voor onze oogen een +driehoek van schitterend licht, een vlakte, waar door het azuurblauw +een zilveren lint zich slingert, en waar men op den achtergrond zich +een rij donkere bergen ziet verheffen. Dit is de eerste verschijning +op onzen weg van het dal der rozen, een weinig vermooid door den +afstand. Het is het dal der Toendsja, door mijn bulgaarsche vrienden, +zooals ik maar dadelijk zal zeggen, ofschoon ik hun enthousiasme niet +deel, voorgesteld als een hemelsch land van Kanaän. + +Om er te komen, moeten wij nog naar beneden. Wij beginnen daartoe, +met de droge bedding van het riviertje een oogenblik te volgen onder +het dicht gebladerte, als door een mooie laan van fijn zand, die geheel +in de schaduw ligt, en waar overal fijn jong beukengroen uit opschiet, +net als ook aan de oevers terzijde, terwijl boven ons hoofd de takken +der forsche boomen aan weerszijden elkander ontmoetten bij den top +der heerlijke boschgewelven. + +Daarginds is een terras van stoppelland, zacht-gele overgang tusschen +den Balkan en de vlakte, en even later brengt een laatste daling door +velden van rozen, die in dit seizoen haar bloementooi hebben verloren, +ons naar het Maglischdal. + +Dit dal, dat in heel Bulgarije bekend is om zijn rozencultuur, heeft +groote aantrekkelijkheid in den bloeitijd der rozen, want de cultuur +is er zeer intensief; maar die heerlijke tijd duurt slechts veertien +dagen in het jaar, wanneer de rozen bloeien. Daar ik er de eerste +maal in September was, en de rozenstruiken er toen als magere heesters +uitzagen, ben ik er nog eens weer heengegaan in Mei, enkele dagen te +vroeg, om de knoppen ontloken te zien, zoodat ik maar van hooren zeggen +mee kan praten over den luisterrijken bloei. Deze omvat echter slechts +de smalle zone tusschen de bosschen op de zuidhelling en de vlakte. + +De rest van het dal is een groote wijde ruimte van bouwland, nu in den +herfst kaal, nu de oogst is binnengehaald, maar in de lente groen en +getuigend van welvaart en vruchtbaarheid. Aan den eenen kant verrijzen +de kale bergen betrekkelijk steil omhoog, alsof het Apennijnen waren, +zooals die zich voordoen ten zuiden van Rome in de Lepini-bergen, +aan den anderen kant geeft een lijn van lage, afgeronde heuvels den +Sredna Gora aan. + + + +II. + + Maglisch-Haïn Boise en de herinneringen aan den veldtocht van + 1878.--Haïnkioe en het huis van den pope.--De bulgaarsche + honden.--Tvarditsa.--Het groote wild.--De komst der Turken + te Klena.--De Tsjoemernatop.--Werking van den nevel.--De + Karakatsjani's.--De overtocht over de doorwaadbare plaats.--Het + turksche dorp Sara Yar.--De boeren van Klena en het vrouwentype + aldaar.--Ondergaande zon te Slivno.--De plaats der warme + bronnen.--Nova Zagora.--Het mooie bloeiende land aan de + Toendsja.--De kloven van Kasan en Kotel.--De vauclusische + bronnen te Kotel. + + +Het stadje Maglisch, een der hoofdcentra van de rozenindustrie, ziet +er zoo modern uit, dat men niet laten kan, heimwee te hebben naar de +in het groen verborgen Balkandorpen. Toch leveren een riviertje, aan +welker oever eenige houten huisjes zijn gelegen, een minaret tusschen +de boomen, het gebergte, dat op den achtergrond verrijst met zijn +kale toppen, en de wijde vlakte ervoor stof genoeg voor liefelijke +kijkjes. Gewoonlijk zijn de huizen ook hier naar landsgebruik laag +met vooruitspringend dak en een terrasje of balkon, waar allerlei +huishoudelijk goed wordt opgehangen, terwijl op het vrij platte dak +afgeronde dakpannen liggen. Aan de balken hangen, behalve de gewone +zaken, hier ook tabaksbladen, die niet te zien waren op de noordhelling +van den Balkan. + +Nadat wij een nacht te Maglisch hadden doorgebracht, zetten wij +onzen weg, altijd op de zuidhelling, naar Haïnkioe voort. De aanblik +blijft zoowat dezelfde, die van een groot vruchtbaar terrein, met +een overvloed van korenvelden, groote uitgestrektheden, met maïs +bebouwd, met wijngaarden, boomgaarden, tabaks- en rozenvelden. Die +laatste kwamen vooral voor op de berghellingen, die wij op korten +afstand passeerden. De hellingen zagen er kaal uit; de vlakte met +veel stroohutten, lag doodsch en somber onder een grijzen hemel, +die als een oven van hitte dampte. + +De eenige opvallende verschijnselen in het landschap bij Haïnkioe +waren, behalve de zwarte vlekken der kudden, die cirkelvormige heuvels +of tumuli, die men op zooveel plaatsen in Bulgarije ziet. Alleen de +rand der vlakte aan den voet van den Balkan, vooral als men dorpen als +Lachanli nadert, heeft een bloeiender karakter. Daar aanschouwt men +eerst wijngaarden, daarna rozenvelden, waarin men nu en dan tusschen +rijen magere boompjes een span witte, door een kind geleide ossen +ziet, of wel tabaksvelden, waarvan de wijd uiteenstaande planten in +September vol bloemen zitten, en waar dan de vrouwen met groote zorg +de bladeren van plukken, of boomgaarden van pruimen en perziken en +groote notenboomen tusschen de wijngaarden. + +Verwijdert men zich verder van de dorpen of van den Balkanrand, dan +houden de boomgaarden op, en men ziet weer niets dan stroohutten, +zoo ver het oog reikt, slechts nu en dan afgebroken door enkele +eikenbosschen, als dat van Toelova, waar in 1877 beroemde gevechten +plaats hadden. Geen hagen breken de eentonigheid der velden, alleen +gescheiden door smalle paden. Elke twee of drie kilometer ziet men +hier een grooten put met een langen hefboom, waarvan de lengte in +overeenstemming is met de diepte van den put, die wel eens tot tien +meter gaat. De gneissbergen aan onze linkerhand zijn altoos even +verbrokkeld; enkele rivieren, die meest alle volkomen droog zijn, +strekken haar ledige steenachtige beddingen soms verscheiden kilometers +ver uit. + +Daar hebben wij bij toeval eens een rivier, die stroomt, en dicht +erbij liggen een veertigtal stukken linnen op de steenen te drogen, +nadat ze juist door vrouwen gewasschen zijn. Iets verder is het, +of een bosch is gaan wandelen, als in Macbeth, een troep magere +ezeltjes zijn beladen met hoopen takkebossen, waaronder ze bijna +geheel verdwijnen. Die takken laat men bij de huizen drogen, om van +de dorre bladeren strooisel voor het vee te hebben in den winter. + +Vóór Haïnkioe komt langs een riviertje de weg van Haïn Boise uit het +bergland, die een belangrijke rol gespeeld heeft in den oorlog van +1877, en waarlangs men voornemens was geweest den spoorweg te laten +loopen, vóór men westelijker het tracé van Boroesjtitsa nam. Al die +herinneringen zijn in de streek nog zeer levendig, en op de plaatsen +zelf werden mij episoden uit den vermaarden veldtocht verteld. + +Den 7den Juli had generaal Goerko Tirnovo bezet, dat toen onbeschermd +was gelaten door Saïd Pacha. Hij verliet de stad weer den 10den, +om in een stoutmoedigen tocht den Balkan over te trekken. De Turken +bewaakten de beide overgangen, die als het ware klassiek waren, die +van de Sjipka in het westen en van Tsjoemerna in het oosten; maar zij +hadden in 't geheel niet gedacht aan al die passen ertusschen in de +buurt van Radevtsi, als die van Seltsi, Boroesjtitsa en Haïn Boise, +die wel voor ruiters alleen, maar niet voor een geheel leger bruikbaar +waren. Een daarvan echter, die welke rechtstreeks van Tirnovo naar +Haïnkioe over Voinega en Haïn Boise voert, passeert de waterscheiding +zeer noordelijk, op minder dan 700 meter hoogte, om dan geleidelijk +en gemakkelijk af te dalen naar den oever der rivier. + +Dien weg volgde Goerko; den 12den was hij op de pashoogte en den 14den +te Haïnkioe, waar hij bij verrassing een turksch bataljon overviel, +dat juist bezig was, zijn soep te koken. Zoo was hij in het Toendsjadal +gekomen en terstond daarop wendde hij zich naar het westen langs den +weg van Maglisch, dien wij juist hebben afgelegd, en maakte zich den +17den van Kazanlik meester, dus van het zuidelijkste punt van den +Sjipkapas, die van de andere zijde aangevallen werd door generaal +Radetzky, van Grabovo komend. In die omstandigheden moest de Sjipka +het opgeven; den 18den veroverden de Russen den weg met geweld van +wapenen en waren aldus meester van de route van Konstantinopel. + +Terwijl men mij dit verhaal deed, trokken wij steeds voort door groote +gemeenteweiden met kort gras, waar paarden liepen te grazen, en tegen +één uur reden wij Haïnkioe binnen, een klein boerendorp, in de vlakte +gelegen aan beide zijden van een beekje tusschen boomgaarden, als een +oase te midden der woestijn, een plaatsje met de gewone lage huizen +en de producten voor de woningen opgehangen. + +Wij logeerden te Haïnkioe in het huis van den pope, ook een boerenhoeve +met enkele bijgebouwen, in een waarvan onze kamer was, zoo laag, dat +ik met mijn hoofd bijna den zolder raakte. Het groote venster werd +van binnen met luiken gesloten, en aan de muren hingen veel ikons, +een portret van den exarch van Konstantinopel en meer dergelijke +afbeeldingen. Er lag een tapijt met kussens eromheen langs de wanden, +waar wij onze zit- of liever ligplaatsen moesten vinden, en een witte +kachel stond in den hoek. De zoon van den pope, die in München heeft +gestudeerd, is tegenwoordig professor in de scheikunde, een zeer +moderne mengeling dus van chemie en orthodoxie. + +'s Avonds kwam de pope ons zien eten, zonder aan onzen maaltijd deel +te nemen, omdat het Woensdag was, een vastendag. Wij zaten bij het +trillende licht van een paar kaarsen buiten op het terras, waar nu +en dan een groote nachtvlinder, door het schijnsel aangetrokken, +verdwaald raakte en om ons hoofd gonsde. + +Den eersten dag te Haïnkioe gebruikten wij voor een bergtocht naar +Boekovaïa Foïana op een der Balkantoppen, waarbij wij den pas van Haïn +Boise links lieten liggen. Na het magere struikgewas van de zuidhelling +betraden wij spoedig het groote beukenbosch, waar het volstrekt geen +zeldzaamheid is stammen aan te treffen van 80 centimeter, tot een +meter in diameter. Onder die prachtige boomen vormden beekjes, die +tusschen het groen van steen tot steen al dansend zich voortbewogen, +kleine meertjes of vroolijke watervalletjes. + +Daar het zoo prettig is, nieuwe herinneringen door vergelijking +bij oude te doen aansluiten, moest ik hier telkens denken aan het +landschap der Vogezen. + +Den volgenden morgen verlieten wij Haïnkioe, om naar Tvarditsa te +gaan, van waar wij naar Tsjoemerna omhoog moesten. Eerst hadden +we twee uren eentonig vlak land door het dal der Toendsja, altijd +tusschen dezelfde kale hellingen met verbrokkeld gneiss en met +dezelfde hutjes en boomgaarden, als in de dorpen aan de zuidhelling +van den Balkan. Elke twee- of driehonderd meter ontmoetten wij groote +noteboomen, en kleine heuveltjes of tumuli waren talrijk. In de verte +wierpen kudden schapen kleine, zwarte vlekken op de gele, stoffige +vlakte, of langzaam zag men de forsche spannen ossen naderen. + +Toen wij Tvarditsa naderden, werden de rozenvelden talrijker. Die +plaats ligt aan den uitgang van een zeer druk beganen pas, waar +de weg zoo goed is, dat men er bijna met rijtuigen over kan gaan, +en die over den Balkan leidt langs Tsjoemerna van Elena naar Eski +Zagora. Het is tusschen den Sjipkapas in het westen en den Kasanpas in +het oosten de beste weg, om den berg over te gaan, en het is, zooals +ik reeds zooeven zei, een der wegen, die een rol hebben gespeeld in +den veldtocht van 1877 en 1878. + +Tvarditsa, waar ik met acht maanden tusschenruimte weer ben +teruggekomen, kwam mij de tweede maal veel schilderachtiger voor +in lentedos dan de andere maal in den herfst. Het dorp op zich +zelf beteekent niet veel met de lage huizen, die als in den grond +schijnen weg te kruipen, maar wat in Tvarditsa aardig is, is de +echte bergstroom, neerkomend van de gele hellingen, den voet der +reuzenboomen besproeiend en dan wegschietend onder de houten brug, +waarover de spannen witte ossen zich voortbewegen, geleid door +vrouwen in nationaal costuum, en niet het minst als achtergrond van +het landschap de Balkan met de ruwe toppen, waarlangs zich naar den +ingang van een pas de smalle witte paden kronkelen, die later tot +groote berijdbare wegen zullen worden. + +Voor onze paarden was het nu al een zeer goed pad, dat wij in opgewekte +stemming volgden. Zoolang men echter op de zuidhelling is, blijft het +land dor en kaal, ondanks den mooien zonneschijn en de heldere kleur +van het gras; en de schrale plantengroei kon niet hooger komen dan de +afknabbelende geiten het lieten worden. Wij stegen nu naar een echten +Balkantop, een top van 1540 meter, wat nog niet afschrikkend hoog is, +maar de Tsjoemerna en de met bosschen bedekte hoogten, die men thans +op grooter afstand ziet dan te Radevtsi, nemen meer het aanzien van +bergen aan. + +In die bosschen, die al talrijker worden, naarmate men de noordhelling +nadert, is overvloed van wild. Daar zijn herten, wilde zwijnen en +vossen, en den nacht, voor wij er waren, had men bij een hut de sporen +van een beer gezien. De gendarme, die ons vergezelde, was den vorigen +winter door een wolf aangevallen, dien hij eerst voor een hond had +gehouden, en daar hij den haan van zijn revolver niet kon overhalen, +was hij in een boom gevlucht, waar de wolf toch nog gelegenheid had +gevonden hem in den voet te bijten. Terwijl de man ons dit verhaal +deed, vloog een arend in wijde kringen boven ons hoofd. + +Daar is de pas van Tsjoemerna, die in tegenstelling met wat we bij de +andere passen, als die in de buurt van Radevtsi, Seltsi etc. hebben +gezien, werkelijk den indruk van een bergpas maakt, waar men zich op +de hoogte tusschen twee berghellingen op den kam gevoelt. Er is ook +een herberg boven op den pas, juist als bij de Alpenpassen, en het +is er, evenals daar, steeds druk van allerlei voertuigen. + +Toen we weer van daar gingen, des middags om twee uur, was de +lucht, die tot nu toe volkomen helder was geweest, eensklaps bedekt +geworden; wij betraden het groote beukenbosch, en de zon ging er +zeker ook schuil, want wij zagen haar niet meer. Weldra waren we +door wolken omringd, en de Balkanbergen, die ik eerst minachtend +slechts provinciale bergen noemde, willen ons eens laten zien, dat +zij regen en nevel, koude en wind kunnen opleveren, zoo goed als de +hoogste Alpentoppen. + +De toestand scheen werkelijk zorgwekkend te zullen worden, want wij +waren midden in het bosch zonder eenig pad en bij toenemende duisternis +in onbekende richting gaande. + +Eindelijk treden wij uit het donkere bosch en komen weer in de weide, +waar het lichter is, en waar onze acht paarden achter elkaar in een +dichten mist voortstappen. Er wordt mij verteld, dat men van hier +bij mooi weer een prachtig uitzicht heeft; het heeft wel iets van +de schoone zonsondergangen, die iemand altijd worden beloofd op de +zwitsersche Alpentoppen, en ik geloof mijn zegsman onvoorwaardelijk, +behalve dat ik morgen eens controleeren zal, wat hij mij heeft gezegd. + +Voor het oogenblik ben ik alleen bezorgd over het bosch, +dat daar weer vóór ons ligt, en in welks duister wij weldra +zullen verdwijnen. Gelukkig is het nog niet zoo heel erg als wij +verdwalen, want er zijn geen steilten hier, en acht menschen met +acht paarden vinden altijd wel gelegenheid om terecht te komen. In +het allerergste geval zouden we een nacht buiten om een vuur moeten +slijten. Dienzelfden morgen nog hadden wij, als volkomen overbodig, +een heel tentenmateriaal teruggezonden, dat we in het begin hadden +meegenomen, in de veronderstelling van meer dergelijke avonturen. + +Maar het zou niettemin veel aardiger zijn, weer op den goeden weg +te komen, en te logeeren in een gesloten en verwarmd huis, waar men +op onze komst is voorbereid en bedden voor ons in gereedheid heeft +gebracht. Juist op het oogenblik toen die hoop scheen te zullen +vervliegen, hoorden wij hondengeblaf, en in den nevel zagen wij +mannen naderen in de fustanella, 't korte rokje van de Grieken. Het +waren herders, die Grieksch spraken, en die hier Karakatsjani's worden +genoemd. Dat herderskamp was mij al aangeduid als de welkome vuurtoren, +die de haven aanwijst. Inderdaad was het huis van den boschwachter +vlak bij met zijn kachel, zijn bedden, zijn keuken, en wij vinden er +een aangename schuilplaats, juist op het oogenblik dat buiten de regen +in stroomen begint te vallen. Den gansenen nacht bleef het regenen. + +De steenkolenlagen van Radevtsi sluiten bij die van Tsjoemerna +aan, en daaraan gingen wij nu midden in het bosch een bezoek +brengen. Vervolgens daalden we den volgenden dag af naar Bela en +Slivno. Naarmate wij lager kwamen, voelden we de warmte sterk toenemen, +de wolken verdwenen en zooals veelal in het bergland, vonden we buiten +de nevelachtige en koude zone den glansrijksten zonneschijn. + +Onderweg stieten we op een interessant kamp van Karakatsjani's, +die daar al ruim twee jaren gevestigd waren, om met hun paarden aan +den kost te komen, door het naar beneden brengen van de steenkool +naar de vlakte. Op een weide aan de grens van het beukenbosch en +boven aan een steile helling waren eenige ronde hutten te zien, +geheel met bladeren gedekt, en met een lagen ingang als bij hutten +van Laplanders. Ik reed te paard omhoog te midden van een verwoed +hondengeblaf en zag daarop een troep vrouwen voor den dag komen, door +nieuwsgierigheid gedreven. Ze droegen bruine lijfjes en rokken en +hemden, die niet zoo hagelwit waren als die der bulgaarsche vrouwen, +maar die daarentegen geborduurd waren met rood en blauw borduursel, +zooals men in Griekenland en Roemenië ziet, met groote, eveneens +bewerkte mouwen, die zeer wijd van onderen waren. + +Bij den spoedig daarop volgenden overtocht over de rivier kruisten +wij een troep turksche ruiters en kregen daarbij weer een oosterschen +indruk door de ontroering der fijne paarden met hoog opgeheven kop +de schitterende tuigen, met blauwe koralen versierd, de gekleurde +zadels, de rijke gordels, waarvan het rood zich spiegelt in het water, +en het woeste stappen en plassen der paarden door de schuimende rivier. + +Inderdaad kwamen wij dan ook kort daarna in een klein turksch dorpje, +Sara Yar, een der zeer weinige plaatsen, waar de Turken zich in +deze streek gehandhaafd hebben. Interessante en bekende oostersche +tooneelen doen zich dus een oogenblik voor, en vervangen de bulgaarsche +kleederdrachten, die wel wat al te sober zijn met hun bruine, zwarte en +witte tinten, om aan het groen van het landschap veel reliëf te geven. + +Ze zijn heel vriendelijk, deze Turken, en daar de paarden wat moeten +uitblazen, maak ik een schetsje van de getulbande heeren, zooals +zij daar zitten voor een café, in een groen priëeltje. Een van hen, +een forsche, groote, glimlachende man met kleine donkere oogen onder +een vooruitspringend voorhoofd, en een grooten witten tulband, met +een violette veêr, komt, zonder om de voorschriften van Mohammed +zich te bekommeren, vragen, of we zijn portret willen maken. Hij is +schoolmeester en tegelijk priester in het dorp. Eerst teekende ik +hem met de groep mee, maar hij vindt er zich te klein op, en toen +liet ik hem alleen voor mij poseeren met de hand aan zijn stok. Hij +was er verrukt van. + +Toen wij weer vertrokken waren, hervatten al die brave menschen hun +werk van den geheelen dag, het rooken of alleen maar zitten soezen +in de schaduw van het groen priëel en het luisteren naar vertellingen +onder een kinderlijk gelach. Terwijl de Bulgaar van den morgen tot den +avond werkt, zonder café of herberg op te zoeken, nemen zij het leven +gemakkelijk op naar oosterschen trant, en alleen als het geld schaarsch +wordt, gaan ze weer een paar hout- of steenkoolladingen wegbrengen, om +daarna, voldaan dat ze eenige stuivers in den zak hebben, opnieuw met +ambitie te gaan rusten. Zoo is langzamerhand alle grond hun ontgaan en +in handen van de Christenen gekomen, wat niemand behoeft te verbazen. + +Tusschen Sara Yar en Bela gingen wij door een heuvelachtig land, +vol groene boschjes, waar van tijd tot tijd een overtocht over een +rivier een schilderachtige afwisseling opleverde en den tocht van +onze karavaan vertraagde. + +Bela, waar we des avonds aankwamen, is een aardig landelijk dorp in +den trant van Radevtsi, ofschoon op de zuidhelling, met een stroompje +tusschen hooge oevers, begroeid met wilgen. Over het water ligt hier +en daar een brugje, bestaande uit een enkelen balk met leuning, en +boven het dorp verrijzen tertiaire bergen, waar de roode leembanden +in horizontale lagen afwisselen met witte zandsteenvormingen. Ossen, +die door het water gaan, en ganzen, vliegend over hen heen, ziedaar +weer een schilderijtje. + +Er zijn er vele in dit dorp, waar mijn reisgezelschap weinig +interessants vindt. De vrouwentypen zouden, als ik ze kon snappen, in +mijn schetsjes passen, niet om haar schoonheid, groote Goden! ofschoon +een gevoel van ongemotiveerde beschroomdheid ze bij mijn nadering +doet wegvluchten, maar om haar leelijkheid juist, die werkelijk heel +origineel is. + +Het schijnt dat hier, net als te Slivno, een rest woont van den een +of anderen aziatischen stam, die nog sterk mongoolsch is, misschien +vermengd met negerbloed. Ze maken den indruk van Kalmukken met +sterk vooruitspringende jukbeenderen, zeer prominente onderlip en +een daarbij passend kapsel, met op het voorhoofd een rij van lange +ongekamde haren, die in donker door den een of anderen regimentskapper +schijnen te zijn geknipt, terwijl van achteren vier of vijf kleine +vlechtjes hangen, ten halve bedekt door een doekje en versierd met +een onzinnig groote bloem, bij voorbeeld een pioen of een groote +tros seringen. De verloofden voegen daar nog een heelen toren bij +van veêren en rozen en gekleurde linten met kettingen van op den +rug afhangende munten en verder colliers van penningen, armbanden, +ringen, een heelen galanteriewinkel, waardoor ze er echt als wilden +uitzien. Maar ze zijn ook halfwild en in verrassende mate onbeschaafd. + +In dit dorp doen de vrouwen als in vele andere in deze streek nog aan +allerlei industrieën en op zeer primitieve manier, zoodat het blijkt +dat men er nog niets moet hebben van onze moderne machines. Overal ziet +men kleine ovens, waarin elk gezin zelf zijn brood bakt, terwijl men +voor eigen houtskool zorgt als brandstof en zelf zijn linnen spint +en weeft. + +Van Bela reden wij naar Slivno met een omweg over de +steenkolenontginningen van Katsjarka. Weer overal begroeide +heuvels. Wij daalden langs een klein dal, dat te Slivno uitkwam, +nu eens de bedding der rivier volgend, dan de hellingen beklimmend, +om een bocht af te snijden. Men komt nog al wat menschen tegen, te +voet en te paard, maar in het geheel geen huizen, tot bij Slivno, +waar op groote onderlinge afstanden molens zich vertoonen, daarna +ook fabrieken en grootere gebouwen. + +Het landschap krijgt werkelijk een grootsch karakter; de droge bedding +der rivier wordt breeder, heeft kale rotswanden en vertoont een echt +berglandaanzien. + +Onze karavaan ziet er in dat breede dal vol steenen tusschen de +kleine witte wateradertjes en de hooge hellingen, waar geen of weinig +plantengroei is, min of meer algerijnsch uit. + +Slivno, waarvan de naam beteekent "samenvloeiing", omdat het aan het +punt van samenkomst van drie dalen ligt, is een industriestadje van +24000 zielen, het vijfde van Bulgarije. Er zijn veel lakenfabrieken, +een tiental wel in het dal, waardoor wij rijden, en overal zagen wij +vrouwen bezig met het uitspreiden, drogen, omkeeren of oprapen van +hoopen witte of bruine wol, die op de steenen in de rivier hadden +gelegen. + +Daar is dan eindelijk het stadje, een indruk van rood tegen een +achtergrond van donkere heuvels, en dichterbij gekomen, zien we +leelijke, onsmakelijke voorstadjes met lage huizen, een onthoofde +minaret, een paar openbare gebouwen in tuinen en, onder veel lage +woningen, enkele van wat beter voorkomen. + +Twee zijden van Slivno zijn wel aardig, de bovenstad met de +Zigeunerwijk en de blauwe rotsen, en dan de benedenstad aan het +stroompje, dat zich in de Toendsja stort. Ik ga eerst omhoog, zooals +een conscientieus reiziger altijd moet doen, om een overzicht van +het geheel van een stad te krijgen. + +Aan den noordkant leunt de stad tegen rotsachtige kalkgebergten met +een voor Bulgarije ongewoon voorkomen, dat aan Dolomietgebergten doet +denken. Ze worden prachtig door de ondergaande zon verlicht, en in de +diepten liggen zware donkere schaduwen van blauwe tint, die den naam +van Blauwe Bergen verklaren. Aan het andere einde van de stad, meer +naar beneden, ziet men in de verte een groote rivier over een breede +steenachtige bedding zich spoeden naar een reeks van donkere heuvels +aan den overkant van een reuzenvlakte, alsof ze daar de zee vermoedde. + +Terwijl ik dit mooie schouwspel voor oogen had onder een dreigenden +onweêrshemel met heldergele strepen tusschen de zwarte wolken, werden +mijn oogen getrokken naar een druk bewegende menigte in een weide op +de berghelling boven de stad. Daar begaf ik mij onmiddellijk heen, +om het tooneel van dichtbij te zien. Het was daar een leelijke, +armoedige wijk, die de stad ontsierde, en zelfs voor een vreemdeling +kan men het geen schilderachtige plaats noemen, maar ze is wel amusant +door de verschillende typen en kleederdrachten. + +Daar houden zich de Zigeuners op, met zwarte haren en een tint, +zoo donker, dat de menschen wel negers lijken, vooral ook door de +ver vooruitspringende onderlip en den platten neus. De mannen droegen +turksche kleeding, en de vrouwen hadden buitensporig groote bouquetten +in het haar van kunstbloemen of natuurlijke bloemen, met veêren +en andere sieraden, zooals ik al noemde bij de vrouwen van Bela. De +dichte menigte menschen was druk in de weer, schreeuwde, gesticuleerde +en scheen de brandende zon in het geheel niet te voelen, want telkens +gingen er paren dansen, in een ronden kring, of in lange rijen. + +Langs de weide aan den kant stonden lage hutjes van leem, geel en +vuil en vensterloos, terwijl de stad op den achtergrond te zien was +met pannen daken op de in het groen verscholen huizen. Toen ik er +was binnengegaan, vond ik er niet veel bekoorlijks, maar een rij van +turksche winkels zorgde toch nog voor de noodige kleur. + +Een eind ten zuiden van de stad ligt een warme bron, waar een badplaats +bij is ingericht met al wat daarbij behoort, zoodat het niet enkel een +gewoon turksch bad is. Van daar uit ben ik op mijn eerste reis naar +het station Karamenli gegaan, aan de lijn van Yamboli naar Nova Zagora, +om naar Sofia terug te keeren. Maar enkele maanden later arriveerde ik +weer te Nova Zagora, om over den Sredna Gora naar Tvarditsa te gaan, +dan naar Slivno en verder den Balkan over te trekken langs Kotel +naar Djoemaïa. Eenige schetsjes, ontleend aan dat tweede uitstapje, +zullen de algemeene voorstelling van den Balkan voltooien, gezien +dezen keer niet in den bescheiden tooi van September, maar in het +groene kleed van Mei. + +Nova Zagora, dat nog al pompeus op de kaarten staat, is slechts +een stoffig dorp, groot en somber, waar onze eenige interessante +bezigheid hierin bestond, dat wij niet zonder moeite er een rijtuig +huurden voor ons uitstapje in den omtrek van de volgende dagen. Daar +blijft men in dezelfde eentonige vlakte, die alle centrale laagten +van Bulgarije inneemt, en zich voortzet tot de eerste heuvelrijen, +hier voorgesteld door de voortzetting van den Sredna Gora. + +Maar als men die hoogten over is, en naar de Toendsja afdaalt, is de +verrassing groot en alleraardigst. In plaats van een steenachtige +bedding, als zooveel rivieren in het Oosten hebben, of een dun +waterloopje, vloeit hier een breede stroom van helder water, omzoomd +door groote boomen, bezet met kleine eilandjes en met telkens molens +aan zijn oevers. Hij beschrijft tal van bochten en gaat zigzagsgewijs +gneissheuvels door, die heerlijk begroeid en door de zon verguld zijn. + +Waar de weg en de rivier elkaar ontmoeten, is de badplaats, waar wij +zullen logeeren, en die door enkele gebouwen wordt aangewezen. Daar +rondomheen is een overvloed van groen; veel wilgen en populieren +steken hun kruinen helder af tegen het goud van de ondergaande zon +op den achtergrond van blauwe heuvels. + +Men zou, en dat is geen gering compliment, zeggen, dat het een mooi +riviertje van Frankrijk was, iets tusschen de Loir en de Sioule in +Auvergne. Het moet voor de Bulgaren een waar genoegen zijn, uit hun +warme vlakten van Yamboli, Zagora of Philippopoli zich hierheen +te verplaatsen, naar dit coquette badplaatsje, om er de baden te +gebruiken en van allerlei kwalen genezen te worden, door in de schaduw +te wandelen langs de oevers van het rustige riviertje en des morgens +te ontwaken door het gezang der vogels. + +Toen wij zelf op die manier wakker werden, was het prachtig helder +weêr; de velden waren groen, zoowel weide als bouwland, in deze mooie +Meimaand, en overal was het land golvend en door boschjes afgebroken, +die hoogerop tot groote eikenbosschen werden. Zoo daalden wij af in +het dal der rozen, dat we in het najaar geheel kaal en ledig hadden +gevonden, en dat nu herschapen was in een oneindige groene vlakte. + +Ongelukkig waren de rozenstruiken van Tvarditsa, wier bloei ons +was beloofd, dit jaar ten achteren, ofschoon het al de 17_de_ Mei +was, zoodat wij nog maar enkele knoppen geopend zagen. Van Tvarditsa +bereikten wij bij Binhos het dal der Toendsja. Het land is niet bepaald +heuvelachtig, maar is toch niet zoo eentonig als de vlakte. Het is +daarbij van het helderst groen, waartegen de witte koeien in de groote +weide sprekend uitkomen, evenals de zwarte buffels en de hier en daar +verspreide paarden, die langs de rivier op de weide liepen te grazen. + +Als men Slivno achter zich heeft gelaten, volgt de weg naar Kotel nog +drie uren lang de vlakte, voor hij begint te stijgen. Altijd hetzelfde +vruchtbare en eentonige dal, dat wij nu langzamerhand wel grondig +kennen. Eindelijk wenden wij ons naar het Noorden en passeeren eerst +een heuvel van een honderd meters, om daarna in het Mokrenidal te +dalen. Daar houdt men gewoonlijk rust op het terrasje, waar men het +uitzicht heeft op den tuin, en een twintigtal bulgaarsche boeren aan +een tafel ziet zitten, met hun bruine mutsen en roode gordels tegenover +elkaar gezeten, alsof ze zoo een koor uit een opera zullen gaan zingen. + +Na Mokreni volgt de Balkan, die nog niet steil is en waarvan, +ten minste tot Kotel, de hellingen ongeloofelijk zacht zijn. Het +groote centrale woud van den Balkan bestaat ongelukkig hier niet, +en wij moeten ons met het lage eikenhout te vreden stellen, dat door +de administratie van het boschwezen angstvallig wordt bewaakt en dat +mogelijk eens in den loop der tijden mooie bosschen zal opleveren. Op +vijfhonderd meter kregen wij een plateau met prachtig uitzicht; groote +blauwe vogels vlogen voor ons op, in de weiden graasden talrijke kudden +buffels, waarvan de Turken de haarlok op het voorhoofd met henneh +kleuren, juist zooals zij de haren en de nagels hunner vrouwen graag +gekleurd zien. Heldere bronnetjes spelen in het groen en vluchten +weg onder de wilgen. De roode vlek van een gordel of een fez zorgt +voor een fanfare, die de aandacht trekt. + +Hoe verder men naar het Noorden komt, des te dichter worden de bosschen +en des te meer groote boomen ontmoeten wij erin. Voor Kotel doen +zich echte kloven voor tusschen de beboschte hellingen, met witte en +grijze kalkrotsen. Overal bloeien in het bosch de seringen, zoodat alle +vrouwen, die we op den weg ontmoeten, die bloemen in het haar dragen. + +Eindelijk volgt een breed dal, dat tusschen boschrijke heuvels langzaam +naar het stadje Kotel opstijgt, zooals het daar op een helling voor +ons ligt. + +Kotel is een oud, in de historie bekend stadje van den Balkan, een +vroeger belangrijk provinciaal hoofdplaatsje, maar nu vrij ongeschikt +gelegen in den bergpas. Een tiental jaren geleden is het bijna +geheel afgebrand, dat was in 1895; misschien had men goed gedaan, +toen van de gelegenheid te profiteeren en de plaats bij den herbouw +naar elders te transporteeren. Men maakte er echter een quaestie van +patriottische gevoelens van, en een nationale inschrijving werd in +geheel Bulgarije geopend met het gevolg, dat ter eere der nationale +herinneringen, Kotel op dezelfde plek weer werd opgebouwd, maar als +een steenen in plaats van een houten stad. De huizen staan nu alle +netjes in de rij, zijn alle banaal en aan elkaar gelijk en geven aan +het geheel een schijntje van een industriestad. + +Gelukkig bestaan er nog enkele hoekjes van het oude Kotel in de +benedenstad, waar aan de rivier veel molens liggen en waar men +de fabrieken van bulgaarsche tapijten vindt met hun ouderwetsche +weefgetouwen. Des morgens bezochten we die wijk, om daar in de buurt +de groote watervallen te zien, die als hun broeders uit Dalmatië, +Bosnië en den Karst uit de kalksteenrotsen te voorschijn komen en +dan in bruisende vaart diepe kommen vullen en zoo krachtig stroomen, +dat de molens er lustig van draaien. + +Dit was een aardig uitstapje, vooral omdat de rivier, die door +de vallen wordt gevoed, zoo liefelijk door de met boomen beplante +weiden stroomt onder houten bruggetjes door en langs de molens, waar +de vrouwen aan het keuvelen zijn onder het ontwarren van de wol of +het spinnen van het garen. + +De echte kam van den Balkan, rijst vlak achter Kotel omhoog en wordt +gevormd door die kalkbergen, welker spleten zooveel water absorbeeren +en voedsel geven aan rijkvloeiende bronnen. Dit deel van onzen weg +was geheel kaal, als de passen op de groote hoogten van de Alpen, +waar men boven de grens van den boomgroei is. Beneden in de weiden +ontmoetten wij een kamp van Zigeuners, vertooners van apen en beren. De +mannen lagen in het gras en amuseerden zich met het oefenen van hun +beesten. Hun donkere gezichten, bruine haren met roode vlekken erin +en de bonte doeken en lappen, die rondom hingen, leverden een vreemd +en boeiend tooneel op. + +De Kasanpas is ook kaal met zijn steile kalkrotsen boven mager bosch; +maar dan gaat het vlug naar beneden naar Titsja, waarbij geologisch +een groote verandering intrad, waardoor ieder moet worden getroffen, +ook al kent men er noch de verklaring, noch de ware beteekenis van. + +Het is de plotselinge vervanging van het tafelland door het +bergland. Hier zijn het horizontale kalklagen, die in de plaats +komen van de verbrokkelde bergen, die wij sinds Kotel steeds voor +oogen hadden gehad. Bij een rivierovergang kon men die horizontale +structuur precies volgen, door de watervallen, die zich van de +terrassen stortten. Toen verscheen Titsja aan den oever der rivier +met de lage huizen, alle van hout en de kleine moskee. + +Even namen wij den tijd, om de paarden te laten uitblazen, en gingen +toen weer verder door het kreupelbosch, waar gewapende mannen met +het voorkomen van roovers hier en daar de wacht hielden met het oog +op den toevloed van menschen, door de groote kermis van Djoemaïa +aangetrokken, waar zich de berenleiders en de goochelaars zouden +vertoonen. Door de vlakheid der terreinen scheen het altijd, of wij +de treden van een trap op of afgingen, want het geheele land had het +karakter van een tafelland aangenomen, zooals ook eigen is aan het +groote voorbalkansche plateau tot de Donau toe. + +Osman Bazar ligt op een hooge vlakte met zijn roodgedaakte huizen, +die op zijn turksch zeer laag zijn, en met vier of vijf minarets. Wij +hielden stil op een groot, leêg plein tegenover een vierkanten toren, +waarop een klokkentoren van hout, en waarnaast rechts een rij van +lage huizen is te zien, terwijl links een oud bouwvallig bouwwerk +waarschijnschijnlijk een overblijfsel is van een turksch bad. Er ging +een weg omhoog naast onze herberg naar een grooten put met langen +hefboom, een bewijs, dat we uit het gebied der bronnen zijn gekomen +in dat van den eigenlijken Balkan. + +Op het plein speelden kinderen vroolijk allerlei spelletjes, turksche +kinderen met roode fez, roode of witte tulbanden en roode, paarse of +oranje kieltjes. + +Na Osman Bazar begon terstond een bosch van groote eiken, het eerste +echte woud in dit deel van het gebergte, en vervolgens doet zich het +land voor als een groene, golvende vlakte, met hagen en boomen in +het veld en veel stroomend water. + +Eindelijk gaan wij door den Dewentpas, een bergplooi in het tafelland, +die een eigenaardig bergland vormt, verbrokkelde rotsen en door erosie +uitgespoelde terreinen, naast steile bergen en diepe kloven. + +In die kloven werden de bosschen en het kreupelhout weer bewaakt +door gewapende Turken of Bulgaren, die op roovers geleken. Bloeiende +seringen gaven aan de boschjes een lila tint. Daar zijn we eindelijk +weer in de vlakte, volgend op het bergland, zooals dat laatste op +het plateau was gevolgd. Het is, of wij van een hoog terras naar +beneden zijn gedaald, en met ons doen dat de ontelbare stroompjes en +wateradertjes, die door de bergen zijn gefiltreerd. + +Nog enkele kilometers, en de Balkan verwijdert zich al verder van +ons; tegen het vallen van den avond komen wij het volkrijk stadje +Djoemaïa binnen, en treffen er de schilderachtige tooneelen, eigen +aan die groote turksche markten of kermissen, die gedurende enkele +dagen uit verren omtrek de menschen doen toestroomen als naar een +geïmproviseerden bazar. + + + + + +Malta en de Maltezer Orde. + +Naar het Fransch van GASTON VUILLIER. + + +I. + +Van Syracuse naar Malta.--La Valette en de stichting door den +Grootmeester der Orde.--Aankomst in de groote haven.--Aanzien van de +stad.--Koetsiers en schippers.--De witte steenen huizen.--Terrasvormige +daken.--Mannen en vrouwen van Malta.--Het huiselijk leven.--Het +gezelschapsleven.--De kantwerksters.--Een avond in de Barraea.--Het +Hooglandersregiment en hun muziek op het plein.--De hoofdstraten.--De +paleizen. + + +Ik was voornemens, mij van Tunis naar Malta te begeven, om er de +plechtigheden van de Heilige Week bij te wonen, die mij als zeer +origineel waren aanbevolen. Daar echter een onverwacht besluit +van de engelsche autoriteiten de haven van La Valette gesloten had +verklaard voor uit het Oosten komende schepen en voor wat van de kust +van Afrika kwam, moest ik mijn reisplan veranderen. De vrees voor het +overbrengen van de pest bij het bestuur van Malta leidde er dus toe, +dat ik een plaats besprak op een paketboot van de Compagnie Générale +Transatlantique. Deze bracht mij naar Tripoli, en ik had er geen +spijt van. + +Maar de toen opgedane ondervinding en een groot aantal andere +omstandigheden, die zich in den loop van mijn reizen voordeden, deden +mij besluiten, voor het vervolg geen vast reisplan te maken. Ik vond +er meer genoegen in, mij op goed geluk te laten gaan, mijn fantasie +te volgen of het toeval te laten beslissen. + +Onder zulke omstandigheden nam ik plaats aan boord van een italiaansche +stoomboot, die zich gereed maakte om uit te varen. De bestemming liet +mij vrij koel, want een horizon vol geheimzinnigheden had toen groote +aantrekkelijkheid voor mij. Het was te Syracuse, dat ik mij inscheepte, +en toen ik mij op de brug bevond, zag ik om naar den grond van Sicilië, +die mij zooveel rein en edel genot had geschonken, zooveel uren van +bekoring in zijn toovertuinen en van angstige ontzetting op de woeste +hellingen van zijn kraters. Ik moest nu misschien voor altijd dat mooie +Trinakria vaarwel zeggen, en het was mij, of ik een deel van mijzelven +achterliet tusschen de verre heuvels, die in de schaduw wegscholen. + +De stad begaf zich ter ruste in het bleeke licht van den scheidenden +dag. In den brandenden zonneschijn had ik de bergachtige omstreken +doorwandeld tusschen de instortende oude muren, die resten zijn van +monumenten uit een grootsch verleden. Ik had de tempels bewonderd van +het antieke Ortygia, had rondgedwaald in de beruchte steengroeven van +de Lautumiae en was genaderd tot dichtbij de geheimzinnige fontein, +waar de nymf Arethusa, om hare liefde schreiend, eeuwig hare tranen +mengt onder het water van de zee. + +De avond was gekomen, en de stralen der maan, brekend door den nevel, +wierpen als liefkoozend hun licht over de sombere grootschheid der +oude heuvels. De duisternis roept droomen wakker; de ruimte vulde +zich voor mij met gestalten, en ik zag het verleden oprijzen uit het +stof en leven krijgen in die vage nachtelijke helderheid. Illusie! +Alleen de asch der oude stad lag op de zwijgende hoogten en vervloog +als alle glorie in het ledige, verstoven door den wind. + +Weldra verdween Syracuse. Dichtbij ons trilde een vuurtorenlicht, +ging weer uit om weer op te lichten en dan weer te verdwijnen, als +een ironische glimlach van het lot, dat ons zelfs op zee herinnert aan +zijn grilligheid en aan onze droomen, die illusies, aan onze wenschen, +die bedrog zijn. + +De uren glijden voort, ... het wordt dag. Wij krijgen Malta in het +gezicht. De opgaande zon, die in haar maagdelijkheid rose uit het +water opstijgt, werpt lichtjes op de muren van La Valette, dat in +onbepaalde omtrekken zich aan het oog vertoont. + +La Valette, dat ik vroeger slechts terloops had gezien onder een +brandende zon, met zijn wallen en bastions en al, wat denken deed aan +een heftigen strijd, die wel aanstaande scheen, dreef daar boven de +zee als in een wazig spiegelbeeld. Teêr gekleurde wolken verborgen +de op rijen staande kanonnen voor ons oog en verzachtten den aanblik +der groote, fel dreigende, versterkte rots. Een damp dreef rustig +op de oppervlakte van het water in golvende sluiers en zweefde door +de lucht als een fijne wolk, die langzamerhand uiteenrafelde en zich +oploste in het etherische licht van den morgen. + +Naarmate wij dichterbij kwamen, ontdeed de stad zich van haar sluiers, +om forsch en frisch, maar dor en koud, tevens het heldere zonlicht +op te vangen. De aanblik is nog niet veranderd sinds den tijd, reeds +lang geleden, toen de stad de zeeën beheerschte. Zij wekt nog altijd +herinneringen aan oorlogsgeweld en krijgsmansglorie. + +De beroemde stichter der stad, de Grootmeester Jean Parisot de la +Valette, had als plaats voor de stad gekozen den berg Scebarras, +een groote, kale rots, een soort van schiereiland tusschen twee ruime +baaien, die de twee belangrijkste havens zijn geworden, Marsa en de +quarantainehaven, Marsa-Muscet geheeten. + +Het was in 1565 na de nederlaag van het leger van Soliman den Tweede, +die het eiland had willen veroveren. De Grootmeester besloot partij te +trekken van een oogenblik van rust in den strijd, om de door de Turken +vernielde wallen weer te herstellen en de beide havens te verdedigen +door het aanleggen van een nieuw fort op het schiereiland tusschen +hen beide in. Op datzelfde schiereiland ging hij toen een stad bouwen, +omringd door vestingwerken, waar het klooster en de woning der ridders +veilig zouden zijn. + +Met dat doel en vooral om den niet onaanzienlijken financiëelen +steun te erlangen, dien hij noodig had, wendde de Grootmeester +zich door tusschenkomst van de bij de hoven geaccrediteerde gezanten +rechtsstreeks tot de koningen van Frankrijk, Spanje en Portugal en tot +den Paus, evenals tot verschillende italiaansche vorsten. Die gezanten +zetten uiteen, dat het niet voldoende was, Malta door een hardnekkigen +tegenstand te hebben gered, maar dat men, nu het eiland nog door +een handigen tegenstander kon veroverd worden, verplicht was, het +zoo spoedig mogelijk te versterken, dat er nieuwe verdedigingswerken +moesten worden aangelegd, nadat de gevolgen van het doorgestane beleg +waren verholpen. + +De afgevaardigden legden vooral den nadruk op die punten, welke voor de +afzonderlijke regeeringen, tot wie zij zich wendden, in het bijzonder +van belang waren, en toen ze melding maakten van het voornemen van +den Grootmeester, om een stad te bouwen, legden zij de plannen over +ter ondersteuning van het denkbeeld. + +Al de vorsten, getroffen door de grootschheid en het nut van +de voorstellen, beloofden, ze te steunen en La Valette bij deze +onderneming te helpen. De Paus beloofde, eraan deel te nemen met +vijftien duizend kronen, de koning van Frankrijk met veertig duizend +livres, Filips de Tweede, met negentig duizend en de koning van +Portugal met dertig duizend. De commandeurs der Orde stonden in edele +belangeloosheid hun bezittingen af en gaven hun kostbaarste meubelen, +om de onderneming te doen slagen. + +Zonder tijd te verliezen, liet La Valette dadelijk ingenieurs, +bouwmeesters en werklieden uit Italië komen, en kort daarna begaf +zich de Grootmeester in plechtig ambtsgewaad, vergezeld door den +Raad van Bestuur der Orde en gevolgd door al de ridders, naar den +berg Scebarras, waar hij den eersten steen legde voor de nieuwe +stad. Op dien steen stond gegrift het besluit van den Raad, dat wij +hier vertaald uit het Latijn laten volgen. + +"De zeer beroemde en vereerde broeder, Jean de la Valette, +Grootmeester van de Orde der Hospitaalridders of der Ridders van +Sint-Jan, die voor oogen heeft al de gevaren, waaraan zijn ridders +en zijn volk van Malta hebben blootgestaan bij het jongste beleg en +die in overleg met den Raad der Orde, om nieuwe ondernemingen van +den kant der Barbaren tegen te gaan, het plan heeft gevormd, een stad +te bouwen op den berg Scebarras, heeft heden, Donderdag 28 Maart van +het tegenwoordige jaar 1566, na den heiligen naam van God te hebben +ingeroepen, de tusschenkomst der Heilige Maagd te hebben gevraagd +en die van den Heiligen Johannes den Dooper, den patroon der Orde, +om den zegen des hemels af te smeeken op een zoo belangrijk werk, +er den eersten steen van gelegd, waarop zijn wapen is gebeiteld met +de gouden leeuwenmuilen. De nieuwe stad is op zijn bevel gedoopt met +den naam Stad van La Valette." + +Gouden en zilveren medailles, die een afbeelding der nieuwe stad +droegen en liet opschrift: Melita renascens, d.i. "Het herboren Malta" +met het jaar en den datum der stichting, werden in grooten getale in +de fondamenten geworpen. Na die plechtigheid ging men met ijver aan +het werk. Allen namen er aan deel, rijken zoowel als armen, edelen +en handwerkslieden. Iedereen wilde deel hebben aan het werk, waarin +het heil van allen was gelegen voor de toekomst. Een commandeur, +de la Fontaine, die bekend was om zijn goed inzicht in de kunst +van het aanleggen van versterkingen, had de opperste leiding der +werkzaamheden op zich genomen. De ridders droegen er ook het hunne +toe bij, enkelen begaven zich op de schepen der Orde naar Sicilië +en Italië, om bouwmaterialen te halen, anderen gingen tot Lyon, +om zich met de verbetering der inrichting van de artillerie bezig te +houden. Wie bleven, hielden toezicht op de arbeiders bij de aardwerken, +lieten openingen aanvullen, bressen herstellen en zorgden voor den +aanleg der nieuwe versterkingen. + +De Grootmeester verloor twee jaren achtereen de werkzaamheden niet +uit het oog; hij woonde te midden der werklieden, nam zijn maaltijden +juist als een gewoon arbeider en gaf het voorbeeld van den grootsten +ijver. Daar de gelden niet alle regelmatig inkwamen, liet hij, om +daarin te voorzien, kopergeld slaan, waaraan hij een verschillende +waarde toekende naar zwaarte of model. Zoodra het verwachte geld +inkwam, werd het andere aan de circulatie onttrokken. En daardoor +kreeg het volk der werkers zooveel vertrouwen, dat het werk niet een +enkelen dag stilstond. + +Bij zulk een edele geestdrift, in zulk een gloed van ijver en +werkkracht verrees die stad, die ik nu uit zee zag verrijzen, toen +het schip naderde. Eindelijk lag ze schitterend voor ons uitgespreid. + +Wij zijn juist de nieuwe invaart gepasseerd, waar de sterke batterijen +van het Sint-Elmusfort zijn gevestigd, en de groote haven ligt daar +als een prachtig meer met spiegelende oppervlakte, omringd door +massieve bouwwerken. + +Het is werkelijk een soort van binnenzee, waar kanalen en baaien op +uitkomen, die de ruimte nog vergrooten, want zij vormen reeds op zich +zelf veilige schuilplaatsen, waar geheele vloten zich zouden kunnen +verbergen, om het juiste oogenblik af te wachten voor een aanval op +den vijand. + +De groote haven of de Marsa, want ze heeft haar ouden arabischen naam +behouden, is zelve in twee deelen verdeeld door een schiereiland, +dat als in een felle spoor uitloopt in het fort Saint-Ange op Isola +Point. Op het oostelijk uiteinde staat het fort Ricasoli, genoemd +naar den italiaanschen burgemeester, die het liet bouwen; in het +zuidoosten en zuiden zijn het Sint-Michelsfort en het fort Salvator +door zware versterkingen omgeven. Ze herinneren aan den Grootmeester +Nicolaas Cotoner, die hun de verdedigingsmiddelen schonk. + +Waarheen het oog zich wendt rondom den grooten plas, overal staren +u in het licht de dreigende reuzenbouwwerken tegen met hun strakke +profielen. + +La Valette lijkt op niets wat ik reeds heb gezien; het is een +eenig schouwspel, en men krijgt lust, het voor iets fabelachtigs te +houden. Het is een opeenhooping van wanden van vuurmonden en vlammende +rotsen, vol gaten als een honingraat. Tusschen de steilten ziet men +de kanalen en grachten, en het maakt den indruk, of een steengroeve +van cyclopen door de zee is overweldigd. Al de gebouwen der sterke +forten gelijken op elkaar; alle hebben ze denzelfden vorm en dezelfde +kleur. Wal volgt op wal met gekanteelde muren, en naast de eene rots +verrijst onmiddellijk weer een andere. Hier en daar schijnen bastions +in de lucht te hangen, men kijkt tegen bogen aan of tegen hooge torens +met terrassen. + +Dat eerste opdagen van La Valette is in mijn herinnering nog altijd +even frisch gebleven als op den eersten dag toen ik er kennis mee +maakte. + +Als ik de oogen sluit, zie ik alles, de straten der stad met de hooge +huizen, waar uit de vensters kleurig linnengoed te drogen hangt, dat +door den wind wordt bewogen. Het was als op een feestdag, want het +leek of de oude muren vlagden, en lompen worden zelfs mooi in het volle +zonlicht. Ik kan nog telkens het vizioen vernieuwen van die eindelooze +reeks vensteropeningen in die forten uit de legende, het spiegelende +water en de stroomen van licht, die over de wijde ruimte vloeiden. + +Ik zie weer op de kaden de drukke volksmenigte, de altijd weer bij de +landingplaats aankomende booten, die koopwaren of passagiers innamen en +dan wegvoeren; de uithangborden der winkels van scheepsbenoodigdheden +met namen, die zoo moeilijk te begrijpen zijn, als alles wat het +zeewezen aangaat. + +Zoodra wij de haven binnenvoeren, waren de koetsiers uit de stad +snel komen aanrijden. Zij veroorzaakten een opstopping op de kade en +gesticuleerden om het hardst, om klanten te lokken, terwijl ontelbare +bootjes om het schip heen draaiden en hun diensten aanboden met +veelzeggende mimiek. De kleine booten zijn eigenaardig; ze gelijken wel +iets op gondels, niet door hun sierlijkheid, want ze zijn kort en dik, +maar door hun hoogen voorsteven. De meeste zijn groen geverfd en met +bizarre teekeningen versierd. Aan weerszijden van den voorkant ziet +men een oog geteekend van naïeve uitdrukking en vorm, wat het bootje +er als een zeemonster doet uitzien. Over de meeste is een gekleurd +zeil gespannen. + +Ik volgde met belangstelling de voorvallen op de kade en bleef nog +eenigen tijd aan boord. Eindelijk vertrok ik, en een kales bracht +mij in snellen draf langs een helling naar de Levantstraat. + +Overal hetzelfde verblindende licht, dat met het vele opdwarrelende +stof aan La Valette het aanzien geeft van een brandende stad. Enkele +fijne, violette schaduwen gaven in de gebouwen vormen van menschen en +dingen aan. De meeste straten kwamen op de zee uit. De menigte liep +af en aan even druk als aan het strand. Ernstige Arabieren, in hun +burnoes gedrapeerd, vormden door hun kalmte een sterke tegenstelling +met de Maltezers, de Grieken en de Levantijnen; een paar kooplieden +van verkoelende dranken, met een vaatje op zij, boden hun waar aan, +en van tijd tot tijd kwam een dorstige voorbijganger begeerig drinken. + +Nu en dan kreeg ik op die wandeling door La Valette een vizioen +van op rijen staande zwarte kanonnen, van scheepsmasten, dicht +opeen gedrongen als boomen in een bosch, het wandelend bosch van +Shakespere. Verscheiden straten zijn niet anders dan trappen, zoo +bijvoorbeeld de Santa Luciastraat. Aan de meeste daarvan hebben de +huizen platte daken met balkons met ramen erin, zeker een engelsche +uitvinding. + +De huizen in La Valette en op het geheele eiland Malta zijn +gebouwd van een zachte, verblindend witte steensoort, afkomstig +van het eiland. Langen tijd is er in dat gesteente een levendige +uitvoerhandel gevoerd, omdat het zoo gemakkelijk te bewerken was, +vooral naar Smyrna en de andere steden van de Levant. + +Maar er zijn heel wat bezwaren aan die steensoort verbonden, want ze +ondervindt sterk den invloed van het weêr, wat waarschijnlijk door +de uit zee opkomende dampen bevorderd wordt. Ook geeft de verbazende +witheid van de huizen aanleiding tot een terugkaatsing van het licht, +die nadeelig is voor de oogen. De Maltezers kunnen aan het gesteente +door polijsten een glans geven, die het op marmer gelijken doet. + +De huizen hebben veelal platte daken, met buizen tot afvoer +van het regenwater. Die daken, waarop bloemvazen en kuipen met +planten prijken, zijn dikwijls kleine tuintjes, waar de bewoners +op zomeravonden frissche lucht zoeken; ze gebruiken er ook vaak de +maaltijden en ontvangen er gezelschap. + +Op de hoeken van sommige straten staan heiligenbeelden in nissen, +en de vrome Maltezers houden er nacht en dag de lampen brandende. + +Het rijtuig hield eindelijk stil voor een hôtel. Ik rustte er uit +in de schaduw, nog geheel verblind door de stroomen van licht, die +langs en over mij waren gevloeid. + +Nu was ik dan te La Valette, de oude hoofdstad van Malta, maar ik was +er als onbekende, zonder aanbevelingsbrieven voor de enkele Franschen, +die er woonden. Het beste in de gegeven omstandigheden was, mij aan +te melden aan het fransche consulaat, waar ik kans had, vriendelijk +te worden ontvangen. Dat was een goede gedachte; de consul was een +hulpvaardig man, aangenaam in den omgang en bereidwillig gestemd ten +opzichte zijner landgenooten. + +Nog dienzelfden avond begaf ik mij met een brief van onzen consul +naar de wijk Guardia mangia Pietà, waar een fransch koopman woonde, +die sinds vele jaren op Malta gevestigd was. Hij had zich een mooie +positie verworven en, naar men zeide, een aanzienlijk vermogen. Zijn +naam was Ribot, en hij ontving mij met open armen. + +Hij praatte veel met mij over de Maltezers. "Ik heb al sedert het begin +van mijn zijn hier opgemerkt", zei ik tot hem, "dat hun gezicht een +voor mij geheel nieuw karakter heeft, met die breede wangen, groote +ooren, die ver naar achteren staan, de zwarte haren en de dikke bossige +wenkbrauwen. Het komt mij in het geheel niet twijfelachtig voor, +dat dit ras van phoenicische afkomst is. De Maltezer is levendig en +bewegelijk; men voelt het, dat hij zich gelukkig voelt op zijn rots +te midden der golven in een element van zonnegloed en zee." + +"Ja, zoo is het inderdaad," antwoordde mij de heer Ribot, "de Maltezer +is in zijn element, beter dan de anderen, die hier wonen. Morgen +zult U opmerken, dat de vreemdelingen bleeke gezichten hebben met een +vermoeiden trek, alsof hun bloed verdroogd was in de hitte der zon." + +En op het gelaat van den spreker las ik de teekenen van neurasthenie, +die hij zelf mij aanwees. + +"Het komt," zei hij, "dat hier niets herinnert aan de geurige +frischheid onzer kleine steden, de fluweeltint onzer heuvels en +de geheimzinnige bekoring onzer dalen. Het geruisch der zee, en op +dagen van boos weer het gebulder van den wind om de rotsen vervangen +voor een poos de groote hitte van den zomer en de onbeschrijflijke +doodschheid der in de gloeihitte der zon verpoeierende rotsen. Alleen +des avonds herademt men en begint opnieuw te leven. Vaak ook zenden +de winden uit de woestijnen van Afrika ons hun brandenden adem toe, +en het zijn enkel de winden uit het Noordoosten, die de buitengewone +warmte soms wat temperen." + +De winter is gewoonlijk zeer zacht op Malta; het is een echte lente met +overvloed van bloemen, die schitteren in rijke kleuren en verrukkelijk +geuren. Een groot aantal engelsche familiën komen dan ook den winter +op het eiland doorbrengen. + +Een der gevaren van het klimaat zijn de plotselinge overgangen van +hitte tot koude, die onophoudelijk terugkeeren, en waar het menschelijk +lichaam zeer gevoelig voor blijft. + +De vreemdeling vooral moet zich in acht nemen voor dit bezwaar, +dat de Maltezers niet zoo sterk gevoelen. Als de zon brandend heet +schijnt en de terugkaatsing van het licht verblindend is, krijgt men +over het transpireerende lichaam bij den een of anderen hoek van een +straat een ijskouden wind uit zee te voelen. + +Zulke klimaatstoestanden zouden het waarschijnlijk maken, dat het leven +der inboorlingen er door verkort werd; maar dat is in het geheel niet +het geval. Het is volstrekt geen zeldzaamheid, hier wakkere grijsaards +te ontmoeten, die nog in het bezit zijn van al hun vermogens en van +de betrekkelijk groote lichaamskracht, welke zij tot op zeer hoogen +leeftijd behouden. De Maltezers hebben zeker aan dit klimaat, dat de +zenuwen voortdurend gespannen houdt, een buitengewone bewegelijkheid +te danken van gevoel en van armen en handen, waardoor zij verbazend +druk gesticuleeren. Ze hebben ook heftige hartstochten. Voor handel +en scheepvaart toonen ze zich intusschen zeer geschikt, en hun eiland +hebben ze zeer lief; die kalkrots Malta noemen zij de bloem der wereld, +"fiore del mondo." + +Ik heb overal opgemerkt, dat de eilandbewoners zeer aan hun land zijn +gehecht, welks natuurschoon ze met naïeve overdrijving bewonderen, +zooals ze ook vol lof zijn voor wat hun soldaten en hun mannen van +wetenschap praesteeren. En het is ook immers algemeen bekend, dat hoe +ondankbaarder de grond is, waar iemand woont, des te meer moeite kost +het hem, zich ervan te verwijderen en des te meer is hij eraan gehecht. + +In de dorpen van het binnenland op Malta ondervindt het huiselijk +leven nog den invloed van de oude oostersche gebruiken. De mannen +hebben de geheele oostersche jaloerschheid, en de vrouwen leiden een +leven van afzondering. Een oude arabische spreuk schijnt er nog in +eere te worden gehouden, namelijk dat de vrouwen slechts tweemaal +in haar leven in het publiek moeten verschijnen, bij haar huwelijk +en bij haar dood. De schoonste lof, die haar te beurt kan vallen, +is in de oogen van den Maltezer, dat er nooit over haar wordt +gesproken. Te La Valette is zulk een strengheid niet op te merken; +de aanhoudende aanwezigheid van vreemdelingen, die er door den handel +heen worden geroepen, de invloed van het vroegere Ridderhof, de bals +en de schouwburgen hebben der vrouw meer vrijheid geschonken. + +Maar die vrijheid is slechts schijn, en alleen de dames der uitgaande +wereld hebben er voordeel van. Tijdens mijn verblijf te La Valette +wenschte ik een der vele mooie kantwerkstertjes te teekenen, die in +hun fijne zijden weefsels nog het kruis der Maltezer ridders borduren, +te midden van de grilligste versieringen. Ondanks alle moeite, die +de heer Ribot in het werk stelde, en ofschoon hij toch al zoo lang +in het land woonde, ondanks het aanbod van een hooge belooning, kon +hij geen familie vinden, die bereid was, een haar vrouwelijke leden +voor een schilder te laten poseeren. Het gelukte mij zelfs niet, +een enkele dier kantwerksters aan het werk te zien. + +Ze zijn bekoorlijk, die Maltezer vrouwen; ze schijnen van de rotsen +een tint als van doorschijnend ivoor te hebben aangenomen. Meestal +zijn ze niet groot en hebben fijne trekken, iets onzegbaar teêrs, +en haar groote oogen hebben een zachten glans onder de faldetta. Die +faldetta is een soort van zwartzijden mantel, die tot het middel +reikt, om het hoofd heengaat en er in een halven kring door stijf +gaas van af wordt gehouden, zoodat zij het gelaat voor zon en wind +en voor onbescheiden blikken behoedt. Als in een zijden schelp +met liefelijken glans rust dus het hoofd, en met de hand wordt dat +omhullend kleedingstuk gracelijk vastgehouden, terwijl ze er mee +kunnen manoeuvreeren juist als de mooie Spaansche met haar waaier. + +Deze fijne, teêre vrouwen hebben voorbeelden van heldenmoed gegeven, +waartoe men ze, op het uiterlijk afgaande, niet in staat zou hebben +geacht. Bij allerlei gelegenheden hebben ze haar eiland met moed +verdedigd, vooral onder het beleg door Soliman den Tweeden. + +De secretaris van het fransche consulaat, dien de consul wel te +mijner beschikking had willen stellen, vond er een genoegen in, +mij de bezienswaardigheden en het karakteristieke van La Valette +te laten zien. Hij was mij een onwaardeerbare gids, en zijn groote +bereidwilligheid verloochende zich nooit een oogenblik. Altijd vond +ik hem gereed, mij met zijn vrijen tijd ten dienste te wezen. + +"Als u wilt," zei hij op een dag tot mij, "zullen we van avond +samen naar De Barraca gaan."--De Barraca?"--"U zult het wel zien. De +Barraca is een zaak, waar men hier trotsch op is, en niemand, die in +La Valette is geweest, mag vertrekken zonder de beroemde Barraca te +hebben leeren kennen." + +Des avonds begaven wij ons naar de bovenstad, op het gebied der hooge +wallen. Daar betreedt men een donkere laan, waar eenige wandelaars +loopen. Wij waren aangeland onder groote bogen, toen mijn gids +uitriep: "Hier zijn we er!" Ik had gedacht aan een nachtelijke +excursie naar ruïnen, want de naam Barraca alleen zei zoo weinig, +en ik liet mijn oog zoekend rondgaan, om brokken muur te vinden of +ontmantelde vestingwerken. Maar tegen de met sterren bezaaide lucht +teekende zich geen enkele vorm af. + +"Nee, nee," zei mijn begeleider, "naar beneden moet u kijken, heelemaal +naar beneden." + +En toen, tegen een balustrade leunend, keek ik naar beneden in +het ledig. In de gapende diepte, de nachtelijke geheimzinnigheid, +pinkten overal lichtjes, die in de verre verte al flauwer werden. Men +kon de afstanden onmogelijk met juistheid schatten; maar heel ver +schenen de lichtjes zacht te verdwijnen, om zich in de sterren op te +lossen. In den helderen azuren hemel raakten ze den Melkweg, die als +een doorschijnend gaas tot bij het zenith aan den hemel dreef. + +Toen mijn oogen langzamerhand aan het duister gewend raakten, begon +de nacht mij flauw verlicht te schijnen, en de aanvankelijk niet te +onderscheiden vormen teekenden zich scherper af. Beneden ons heel in +de diepte kon ik de stad met de haven vóór ons uitgespreid zien liggen. + +Maar het was nog meer raden dan zien in dien afgrond, waar in het +bleeke maanlicht bewegelijke lichtplekken zich bij en in de haven +heen en weer bewogen. + +Soms gingen plotseling lichten uit, en even plotseling werden andere +ontstoken, vlamden op, gingen ten halve uit, om spoedig weer op te +duiken. Het waren de lichten der stad, die aan onze voeten lag, de +veelkleurige seinlichten en vuurtorens in de haven, de lichten van +schepen en booten, die flikkerden en beefden, nu eens nader schenen +te komen, dan terugweken als vallende sterren, of aan den horizon +uiteenspatten als meteoren, terwijl er ook als pijlen in de schuimende +zee neervielen. + +Van beneden rezen, ik weet niet van waar, groote boomen omhoog, +welker donkere silhouetten zich scherp afteekenden tegen het zoo vage +beeld van het nachtelijk La Valette. Toen bespeurde ik zeer dicht +bij ons de donkere profielen van enkele Maltezers, die onbewegelijk +als beelden op hun rots stonden; naast hen, met de band onder de kin, +stijf en hoekig een paar engelsche officieren, die onbewogen schenen +te blijven tegenover de met sterren bezaaide zee. + +Weinig panorama's kunnen een vergelijking doorstaan met dat van +de Barraca superiore. Ik heb het op alle uren van den dag en nacht +gezien, en in het heldere daglicht heeft zich de indruk van den nacht +verduidelijkt. Van dit hooge punt omvat men de gansche uitgestrektheid +der havens, en vanaf het fort Ricasoli aan den ingang der Marsa +tot aan de nieuwe haven krijgt men de enorme uitgestrektheid te +aanschouwen van een nu vooruitspringende, dan terugwijkende lijn, +welke aan de kust den zoom van drie afzonderlijke steden afteekent, +maar die dichtbij elkaar liggen en bijna in elkander overgaan. In +het midden verrijst het historisch kasteel Saint-Ange, met de vier +zware, naar buiten gerichte batterijen. Hier en daar bespeurt men +opeenhoopingen van huizen, reuzengroepen, die aan den eenen kant +uitloopen op een langen gordel van versterkingen, de Cotonera, aan +den anderen bij de groote haven. + +Op grooteren afstand breidt zich het open veld uit met zijn dorpen, +en de klokkenhuizen, die op groote torens gelijken. Onder de voeten +van den toeschouwer, onmiddellijk beneden hen, bevinden zich de +kaden, waar het altijd druk is, met rechts de huizen van La Valette, +de statige paleizen uit den tijd der ridders, en de campanile's. + +De indruk, dien men krijgt, is die van ver weg zich op vleugels te +hebben laten dragen; zoo schijnt het over dag, en des nachts kan +men niet onder woorden brengen, wat men voelt; men is als het ware +heengebogen over de ijle ruimte, waarin ongekende werelden zweven. En +zoo geeft dus de dorre rots van Malta nieuwe, onverwachte tooneelen +te zien. Ook dingen van wonderbaar poëtischen aard had zij voor +mij bewaard. + +Op een avond in de schemering, toen het stadsgewoel tot rust was +gekomen en een parelmoeren licht zich over de ivoren stad uitspreidde, +kwam ik op de markt tegenover het paleis van den Gouverneur. Aan den +horizon, dien ik aan het eind der straten onduidelijk kon waarnemen, +trokken nevels op. De zee lag kleurloos en vlak als een spiegel. En +toen liet zich op het eenzame plein een zeer zachte muziek hooren. Het +leken de zangen, gekomen van de in nevels gehulde bergen van het +Noorden, zoet en klagend; men wist niet, of zij zongen van een droevig +verleden of van een hoopvolle toekomst. Muziek doet dadelijk beelden +voor mijn geest verrijzen. Hier zag ik de uitgestrekte heiden der +landes, zoo ver het oog reikte, onder een grijzen hemel; bergen met +donkere wouden, een verlaten land, en ik voelde mij koud door een +onuitsprekelijk gevoel van vereenzaming.... + +Het was de muziek van de pijpers, de doedelzakblazers van de +Hooglanders; soldaten van dat regiment liepen op het plein heen en +weer, in automatischen pas, ernstig en onverschillig. Zij droegen +de kilt, het korte rokje, geruit in de kleuren der clan, de muts met +wapperende veeren, de plaid in heldere kleuren, met een gesp op den +rechter schouder vastgehecht, en toen ik ze daar zoo kalm en ernstig +zag loopen, meende ik, dat de tonen der bekende instrumenten in hun +ziel de vriendelijke herinnering wakker riepen aan hun ver vaderland, +en hun intieme, innige gewaarwordingen gaf. + +Het tooneel was van korten duur; zij liepen een zeker aantal malen het +plein op en neer, keerden met korten zwaai om, toen ze aan het eind +gekomen waren, en toen de serenade afgeloopen was, verdwenen ze. Ik +bleef. De tonen, zoo klagend, die ik pas had gehoord, ruischten nog in +mijn ooren, en in die op het eind loopende schemering, op dat plein, +dat de Maltezers schenen te vermijden op dit uur, terwijl de muziek der +veroveraars er zich liet hooren, droomde ik van de schotsche heiden, +die zoo aangrijpend somber zijn, van dien laag hangenden hemel vol +wolken, waar zij zich in het oneindige in voortzetten. + +Thans kregen de witte straten van La Valette, straten nog lauw van de +hitte van den dag, een vreemde, doorzichtige tint in die onwezenlijke +schemering. Op zee was alles rustig; zij was als een bleeke afgrond, +waaruit de dorre rots oprees. + +Welk een roerend denkbeeld voor een volk van zaken, om elken dag +op deze rots, waar zooveel bloed gevloeid heeft, die muziek te doen +hooren, die aan het afwezige vaderland herinnert! Herinnering en hoop +gemengd, aan de zee toevertrouwd, vóór men zich ter ruste begeeft. + +La Valette is, zooals wij reeds hebben gezien, amphitheatersgewijze +gebouwd op een schiereiland, dat de beide voornaamste havens van +Malta van elkander scheidt. De stad heeft een treffend, zeer bijzonder +aanzien. + +Drie hoofdpoorten geven toegang tot de stad, de Koningspoort, de +Marinepoort en de poort van Marsa-Muscet. Twintig straten loopen door +de stad, acht in de lengte, twaalf in de breedte. Ze zijn geplaveid +met een zeer hard gesteente, zoncol genoemd, dat wel wat op Portland +gelijkt en op den romeinschen travertino. + +Onder de mooiste en breedste straten van La Valette heeft men eerst +de Strada Reale, die over den top gaat van het schiereiland, waar de +stad op is gebouwd en dien in de geheele lengte doorsnijdt van het +Sint-Elmusfort tot aan de Koningspoort, voerend naar de voorstad +Floriana, Als men er door gaat, heeft men eerst het Giorgio- +of Raadhuisplein, dan het Bankplein, en verder draagt de straat +verschillende namen. + +Enkele particuliere paleizen zijn een bezoek overwaard in La Valette, +hetzij om hun architectorale beteekenis, hetzij om de historische +herinneringen, die ze wekken. In het paleis van de familie Spinola +woonden in 1808 de prinsen uit het Huis van Orleans. Het hôtel gaat +door voor het mooiste van alle, en terecht. De bouwtrant is bekoorlijk, +de versieringen zijn zeer rijk en toch niet overdadig. Het plan voor +dit schoone gebouw is afkomstig van den bouwmeester Peruzzi. Het gebouw +werd door een bisschop opgericht, aartsdiaken van de kathedraal; +het werd door Bonaparte bewoond tijdens zijn verblijf op het eiland +in 1798. Hij had er zijn hoofdkwartier gevestigd. Sinds dien hebben +achtereenvolgens de engelsche generaals Stuart, Fox en Abercromby +er geresideerd. + +De dwarsstraten, die sterk hellen, en die dikwijls in trappen zijn +veranderd, zijn evenals de andere zeer zindelijk, daar de onderaardsche +afvoerbuizen voor den afloop van het water zorgen en voor dien van +het vuil. De stad is zeer druk door veel beweging op straat en een +levendig vervoer van goederen. De openbare gebouwen zijn regelmatig en +wat koud van aanzien, opgetrokken van het maltezer gesteente, dat zeer +zacht is en het nadeel bezit, spoedig te verweeren. De buitengewone +witheid, doet, zooals we reeds zeiden, de weerkaatsing onaangenaam +zijn. Trots die bezwaren is de steen lang een gewild uitvoerartikel +geweest naar de Levant en vooral naar Smyrna. + +De voorsteden van La Valette, Floriana, Burmole, Senglea en Borgo, zijn +even druk als de stad. Men vindt er overal mooie gebouwen en openbare +inrichtingen. Achter Senglea staat een groot gebouw, dat het huis +wordt genoemd van Francisco da Cunha. Daar had de baljuw van Suffren +een fabriek opgericht van katoenen stoffen, op het voorbeeld van die +van Voor-Indië. Hij zou zelfs uit Mysore arbeiders hebben meegenomen, +inlandsche mannen en vrouwen, om in zijn fabriek te werken. Ik weet +niet, hoe het met die poging is gegaan. + + + +II. + +Malta in de oudheid als phoenicische kolonie.--Stichting van de orde +der Hospitaalridders van Sint Jan te Jeruzalem, later geworden tot +de orde der Maltezer Ridders.--Uit Jeruzalem verdreven, wijken ze +eerst uit naar Saint Jean d'Acre, dan naar Cyprus, en nog later +naar Rhodus.--Sultan Soliman verjaagt hen van Rhodus.--Karel de +Vijfde geeft hun het eiland Malta in 1530.--De organisatie der +Orde.--Haar lotgevallen ten tijde van de bezetting door de Franschen +in 1798.--Nog altijd houdt de Orde der Maltezer Ridders zich in +stand.--De schilderachtige voorstad Manderaggio. + + +Het eiland Malta, welks kusten door een menigte van kreken, baaien en +golven ingesneden zijn, zou het oude, door Homerus bezongen Ogygia +zijn. Daar werd Ulysses, na door den storm aan land geworpen te +zijn, zeven jaren lang in zijn betooverde grot door de nymf Calypso +vastgehouden. Er wordt nog een naar de nymf genoemde grot aangewezen, +en het heet, dat het de grot was die zij bewoonde. Al zeer vroeg werd +Malta door de Phoeniciërs gekolonizeerd, die te Krendi en op andere +plaatsen van het eiland bouwwerken oprichtten, waarvan nog ruïnen +over zijn. + +De kolonie, die de Phoeniciërs op Malta stichtten, was een van hun +meest welvarende stichtingen; spoedig werd ze beroemd om haar handel, +haar rijkdom en de pracht harer tempels. Daar werden, evenals in +Phoenicië aangebeden de goden Mytharas, Isis en Osiris. Twee tempels +vooral waren beroemd, die van Juno of Isis en die van den Tyrischen +Hercules, door de Grieken Alexicacos genoemd, dien de volken uit het +Oosten op dit eiland kwamen aanbidden. + +Men kan in het Museum van La Valette verscheiden punische +gedenkpenningen zien. Onder de voorwerpen van dezelfde herkomst waren +vroeger twee prachtige marmeren kandelabers met een phoenicisch en een +grieksch opschrift. Een van die kandelabers werd door den Grootmeester +Rohan aan Lodewijk den Zestienden ten geschenke gegeven. Het Journal +de Trévoux, dat in 1786 van die beide voorwerpen gewag maakt, noemt +ze zeer zeldzame en schoone kunstwerken, schatten, die de oudheid +ons heeft nagelaten. Ziehier de vertaling van het opschrift, dat +ze droegen. + +"Abdassar en Asseremor, zoon van Asseremor, zoon van Abdassar, hebben +de gelofte afgelegd voor onzen Heer Melkart, beschermheilige van Tyrus; +moge hij hen beschermen op hun onzekeren weg. Denys en Serapion uit +de stad Tyrus, beiden zonen van Serapion, voor Hercules bijgenaamd +Archegetes." + +Dit opschrift leert ons, dat de Hercules, die op Malta werd aangebeden, +er ook wel Archegetes werd genoemd, dat hoofd of leider beteekent, +en Melkarthos of Melkart, dat is "machtig koning." + +In het jaar 736 v.C. werden de Phoeniciërs van het eiland verdreven +door de van Sicilië gekomen Grieken. Dezen gaven aan het eiland den +naam van Melita. Zou die naam Melita de bedoeling hebben gehad, te +herinneren aan den uitstekenden honig, welke op Malta werd ingezameld, +of is hij geschonken ter eere van de nymf Melita, dochter van Doris +en Nereus? Het is onbekend. + +Toen de Karthagers op Malta de plaats der Grieken innamen, en de +Romeinen op hun beurt de Karthagers hadden verdreven, werd Malta +een zelfstandige kolonie, en onder romeinsch bestuur behielden de +Maltezers hun wetten en vrijheden. + +In de negende eeuw van onze jaartelling kwam het eiland in de handen +der Arabieren en werd de opslagplaats van hun handelsgoederen en +schuilplaats voor hun vloten. Omstreeks het jaar 1190 werd het land +veroverd door den Noorman Roger, en van dien tijd af deelde het eiland +in de lotgevallen van Sicilië, tot op het oogenblik dat de Ridders +van Sint Jan er zich kwamen vestigen. + +De orde dier vermaarde ridders was gedurende de meer dan twee +eeuwen durende souvereiniteit, die zij over het eiland uitoefende, +een weldaad voor de bevolking. Zij bracht het land tot bloei en tot +roem, terwijl ze voor geheel Europa van groote beteekenis was door den +verwoeden oorlog, dien zij voerde tegen de barbarijsche zeeroovers +en door de bescherming, die ze aan den zeehandel der christelijke +staten bood. Het is wel de moeite waard een overzicht te geven van +haar geschiedenis en van haar werk. + +De orde der Hospitaalridders van Sint Jan van Jeruzalem, die later, +zooals wij in het vervolg zullen zien, de Orde der Ridders van +Malta werd, was gesticht door den Franschman Reymond du Puis tegen +het eind der elfde eeuw met het doel, behoeftige pelgrims, die zich +naar de heilige plaatsen begaven, te helpen en hun een onderkomen te +bezorgen. De orde liet gewapende mannen de bedevaartgangers begeleiden +en zorgde, dat de laatsten beschermd werden tegen de mohammedaansche +benden, die het land afliepen. Zoo werden de ridders ertoe gebracht, +hun organisatie tegelijk een militair en een godsdienstig karakter +te geven. + +In de twaalfde eeuw wijdde paus Paschalis de Tweede de orde +bij kanoniek besluit in en gaf hun de roode banier met het witte +kruis. Door de christelijke wereld ruim van geld voorzien, voerden +de Broeders van Sint Jan voortaan den strijd tegen de ongeloovige +Mohammedanen. Maar de overwinningen van Saladin verjoegen hen uit +Jeruzalem. Zij verschansten zich in Saint-Jean d'Acre, daarna op Cyprus +en eindelijk op Rhodus, waar ze zich twee eeuwen lang handhaafden +tegen de onvermoeide pogingen der Turken, en waar ze den naam van +Ridders van Rhodus aannemen. + +Doch Soliman kwam aan de spits van een leger van 200.000 soldaten +en sloot het fort in, dat door nauwelijks 600 ridders en 4000 +man werd verdedigd. Na wonderen van dapperheid te hebben verricht, +capituleerde de stad, wier hulpmiddelen uitgeput waren, in 1522. Des +nachts verlieten de Grootmeester en de Ridders Rhodus in volslagen +wanorde. Het was een bedroevende exodus van heldhaftige krijgers, +vluchtend uit een land, dat twee eeuwen lang door hun roem bestraald +was geworden. Toen de zieken, de kinderen en de vrouwen in de +schepen in veiligheid waren gebracht, begaven ook de mannen zich +scheep. Villiers de l'Isle Adam, de Grootmeester, scheepte zich het +laatst in. De vloot, bestaande uit vijftig schepen, galeien, galjoten, +brigantijnen, feloeken en het groote schip, waar zich de Grootmeester, +de Commandeurs en de Ridders op bevonden, trok weg. Zoo werden al de +goederen der Orde mee aan de zee toevertrouwd. + +En zie, alsof de woede der elementen zich wilde paren aan de woede +van de vijanden, dreef een storm in den Griekschen Archipel de vloot +uiteen, die zooveel kostbaars herbergde. Maar volgens een dikwijls +waargenomen verschijnsel, dat zoowel in het leven der volken als in +dat der enkele menschen optreedt, kwam in den tijd van den hoogsten +nood een onverwachte lichtstraal den schijnbaar hopeloozen toestand +verhelderen. De verstrooide vloot kon zich weer aaneensluiten; de +ontredderde schepen vonden een haven, en in goeden staat teruggebracht, +konden ze weer zee kiezen en hun zwerftocht vervolgen. + +... Op een lentedag verscheen vóór Messina een vaartuig, welks +onbekende vlag in het licht schitterde. Het was een schip van kolossale +afmetingen, en van den mast wapperde een banier met het beeld der +Heilige Maagd, die in haar armen den gekruisigden Heer droeg. Er +omheen stond het opschrift: "Afflictis spes unica rebus". Dat was als +een verschijning van leed en ongeluk, een beeld van het uitgestooten +geloof, dat eindelijk hulp kwam vragen in een christelijk land. + +Het groote schip, de koningin der zeeën, zooals de Sarracenen het +noemden toen het nog aan hen behoorde, was een vaartuig, dat om zijn +afmetingen iets legendarisch had gekregen. Er werd verteld, dat de top +van de hoogste masten der grootste galeien nog niet tot de hoogte van +zijn voorsteven reikte. Zes menschen konden nauwelijks den grootsten +mast omspannen. Het schip had zeven verdiepingen, waarvan twee onder +de waterlijn. Buiten de lading en de bemanning kon het duizend soldaten +bergen, en honderd kanonnen bewapenden de drijvende vesting. + +Van Messina gingen L'Isle Adam en de zijnen naar Viterbo in den +Kerkelijken Staat. Daar bleven ze, tot Karel de Vijfde hun het +eiland Malta tot residentie schonk. De acte van schenking werd te +Castelfranco, bij Bologna, opgesteld in 1530. Er werd in gezegd, +dat de keizer in zijn hoedanigheid van koning van Sicilië aan de +Orde van Jeruzalem de eilanden, kasteelen en dorpen Malta, Gozzo, +Commino en West-Tripoli afstond met alle souvereiniteitsrechten. De +schenking geschiedde op de volgende voorwaarden: Ten eerste zou de +Orde jaarlijks een valk leveren aan den koning van Sicilië; ten tweede +zou de bisschop van Malta altijd door den koning worden benoemd; +ten derde zou de admiraal der Orde altijd een Italiaan wezen, en +ten vierde zouden de inwoners van Malta en de overige eilanden hun +rechten en privileges behouden. + +Toen Karel de Vijfde het eiland Malta aan de Ridders van Sint Jan van +Jeruzalem gaf, zond de Raad der Orde, vóór hij de gift aanvaardde, +acht ridder-commissarissen er heen, om er den staat van zaken op te +nemen en te onderzoeken, of het eiland geschikt was voor den zetel +der Orde en voor haar bedoelingen. Ziehier de voornaamste punten uit +het rapport der afgevaardigden. Het resultaat was niet zeer hoopvol: + +"Het eiland is buitengewoon dor, ontbloot van alle bosch, en het +hout, dat er gebrand wordt, moet van Sicilië worden aangebracht. De +inwoners maken, om hun ovens te stoken gebruik van een soort van +doornige distels, die ze op de onvruchtbaarste plaatsen inzamelen. Zij +gebruiken ook wel voor het koken van hun zeer eenvoudig potje den +mest der ezels en runderen, die ze in de zon laten drogen, welker +stralen zoo krachtig door de rotsen worden weerkaatst, dat de hitte +in den zomer sterk genoeg is, om die stoffen zoo droog te maken, +dat ze als brandstof bruikbaar zijn. + +"Het eiland is vrij goed bevolkt. De inwoners zijn gevestigd +in verspreide en open liggende dorpen. Hun taal is de moorsche, +en ze leven in uiterst bekrompen omstandigheden. Het koren, dat ze +verbouwen kan hen niet langer voeden dan voor een derde van het jaar, +en voor de rest moeten zij het van Sicilië laten komen. Het bedoelde +eiland is daarbij onophoudelijk blootgesteld aan de rooftochten der +ongeloovige zeeroovers, die, zonder eenige vrees te toonen voor het +kasteel, vrij in de havens binnenvaren en zeer dikwijls een groot +aantal arme Maltezers in ballingschap meevoeren." + +Toen de commissarissen van hun zending en hun rapport bij den +Grootmeester en den Raad rekenschap moesten komen afleggen, +antwoordden zij nog, dat het verblijf op Malta zeer onaangenaam was, +ja in den zomer zoo goed als ondragelijk; maar dat zij bij de gebleken +moeilijkheid, om een betere plaats ter vestiging te erlangen, toch +van oordeel waren, dat men de gift van den keizer moest aanvaarden. De +Grootmeester gaf aan dien wenk gehoor en nam het geschenk aan. + +De Grootmeester nam bezit van Malta op 26 October 1530. Hem vergezelden +de voornaamste officieren der Orde en een groot aantal grieksche en +rhodische familiën, die de Ridders gevolgd waren en zich met hen op +Malta vestigden. Van dien tijd af zijn de ridders bekend geworden +onder den naam van Maltezer Ridders. + +Uit het boven aangehaalde rapport blijkt, dat het lot der Maltezers in +dien tijd zeer onzeker was, daar ze zich in het geheel niet verdedigen +konden tegen de invallen der barbarijsche zeeroovers. Steeds hing +hun het gevaar boven het hoofd, dat hun huizen werden vernield en +dat ze zelf in slavernij werden weggevoerd. De opperheerschappij +der Orde beschermde hen onmiddellijk tegen die steeds dreigende +gevaren, want de eerste zorg van den Grootmeester was, het fort +Saint-Ange te laten herstellen, en La Sangle te versterken, om de +galeienhaven te beschermen. Een nieuw fort, het Sint-Elmusfort, +werd op het schiereiland opgericht, daar waar zich in het vervolg +de stad La Valette verhief; het beschutte tegen een overval de beide +voornaamste havens, die door het schiereiland werden gescheiden. + +De Ridders van Sint Jan van Jeruzalem brachten, door op Malta den +zetel van hun bestuur te vestigen, er een aanzienlijke geldswaarde +in omloop. Zij beliep zelfs een minimum van vier millioen francs, +wat een enorme som was voor dien tijd. Men rekent daar dan ook onder +de uitgaven van de vele leden der Orde, die geregeld in grooten getale +het eiland bewoonden. + +De welstand nam te meer toe, daar de bewoners geen enkele directe +belasting betaalden, en alleen aan vrij matige douanerechten waren +onderworpen. + +Men zal begrijpen, hoe groote voorrechten de Maltezers genoten +onder het bestuur der Ridders, als men hun lot vergelijkt met +dat der Sicilianen in dien tijd. Die laatsten waren, ofschoon ze +een buitengewoon vruchtbaar land bewoonden, tot de diepste armoede +gebracht door de zorgeloosheid en het despotisme hunner regeering. Op +Malta daarentegen was de op zich zelf dorre grond vruchtbaar gemaakt +door zorg en inspanning. Het eiland werd overdekt met een groot +aantal kleine stadjes en ten gevolge van de veiligheid, die door +de nieuwe regeering werd gewaarborgd, nam de bevolking van Malta en +Gozzo, die in den aanvang van het bestuur der Ridders slechts 25.000 +inwoners bedroeg, zoo toe, dat men er weldra meer dan 100.000 telde, +terwijl Sicilië met zijn vruchtbaren grond niet anders te zien gaf dan +tooneelen van ellende en een betrekkelijk veel kleiner aantal inwoners. + +L'Isle Adam hield zich, nadat hij de verschillende punten van het +eiland, waar de vijand een verrassing kon beproeven, had versterkt, +ook bezig met de versterking van de vloot der Orde. + +Alle inspanning had ten doel de bescherming van den handel +der christelijke naties, die voortdurend werd bedreigd door de +zeeroovers. Na zeer korten tijd werd de vlag der Ridderorde gevreesd +door de zeeschuimers van de Middellandsche Zee. + +Het komt mij wel belangwekkend voor, in het kort samen te vatten hoe +de Maltezer Orde was georganiseerd, zij, aan wie de volken van Europa +zoo langen tijd de veiligheid van hun handel op de Middellandsche +Zee te danken hadden. De Hospitaalridders waren, voor zoo ver ze +godsdienstige ridders waren, verdeeld in drie volkomen van elkander +verschillende klassen; geboorte, rang en functies liepen uiteen. + +De eerste klasse bestond uit de Ridders van het recht, die dezen +eeretitel droegen op grond van hun edele afkomst. Alleen zij konden het +brengen tot de waardigheid van Baljuw, tot die van Prior, Grootkruis +geheeten, en tot die van Grootmeester. Later werden ook de Ridders der +Genade ertoe gerekend, die, van een adellijken vader en niet adellijke +moeder afkomstig, dispensatie van den paus noodig hadden, om tot die +waardigheden te worden toegelaten. Een bepaling van de statuten hield +in, dat zij, wier vader of die zelf den een of anderen handel hadden +gedreven, die bankiers of wisselagenten, boekhouders of boeren waren +geweest, die een winkel of magazijn hadden gehad, ook al waren zij +van edelen bloede, nooit tot broeders-ridder konden worden toegelaten. + +De tweede klasse omvatte de dienstdoende geestelijken in de kerken +van Sint Jan, die aalmoezeniers konden worden op de schepen of galeien. + +Een derde klasse omvatte de broeders-zieleherders, leden der Orde, +die, zonder broeders of ridders te zijn, onder de bevelen der ridders +dienden in den oorlog of in de hospitalen. + +Daarna kwamen, niet de minst belangrijke, de priesters en dienstdoende +broeders in de lagere ambten van klooster en hospitaal. En eindelijk +had men nog de dames religieuses van de Maltezer Orde, wier kloosters +in Frankrijk, Italië en Spanje waren gevestigd. Er werden voor hare +toelating dezelfde eischen van adeldom gesteld als voor de Ridders. + +De orde van Sint Jan van Jeruzalem was gesticht in denzelfden geest +en naar hetzelfde model als de oude ridderschap. In het begin nam men +enkel leden aan te Jeruzalem of ten minste op gewijden grond. Altijd +werd als hoofdeisch voor de toelating gesteld, dat men authentieke +bewijzen moest kunnen bijbrengen voor adellijke afkomst. Allen moesten +adellijke krijgers tot voorvaderen hebben gehad. Later had men behoefte +aan aanvulling der gelederen, die gedund waren in de oorlogen tegen +de ongeloovigen, en de Hooge Raden der Orde stonden toe, dat na het +onderzoek van de titels van adeldom men als nieuwelingen leden mocht +opnemen uit de groote priorkloosters van Europa. + +In het jaar 1355, waarin de oudste registers beginnen van de fransche +grootprioraten, nam men enkel edellieden aan, wier namen en geslachten +in hun provincie bekend en beroemd waren. En die gestrengheid werd +niet alleen volgehouden, maar werd nog verscherpt, toen soms lieden +van ouden adel rijke niet-adellijken huwden. Van dien tijd af werd +een proces-verbaal gevorderd, dat de legimitatie en de afkomst +van den candidaat boven allen twijfel stelde. Buitendien moest +dit proces-verbaal formeel bewijzen, dat zijn ouders, grootouders, +overgrootouders, tot meer dan een eeuw in de geschiedenis terug, +edellieden waren geweest. + +Drie bewijzen werden gevorderd, door getuigen, door brieven, door +plaatselijke en geheime inlichtingen. + +Het eerste vereischte het getuigenis van vier adellijke getuigen. De +commissarissen, die meestal oud-commandeurs waren, deden hen, vóór +ze werden gehoord, een plechtigen eed zweren. Het tweede bewijs +bestond in een nauwkeurig onderzoek van de titels en aanspraken, door +den candidaat ingeleverd. Om het derde bewijs te erlangen, waren de +commissarissen genoodzaakt, zich te begeven naar de geboorteplaats van +den candidaat, daar een zeer bescheiden, maar niettemin zeer nauwkeurig +onderzoek in te stellen, en wel niet alleen waar de candidaat zelf +was geboren, maar ook op de plaats, van waar de familie afkomstig was. + +Waren zij in het bezit van al die bewijzen, dan maakten de +commissarissen een proces-verbaal op, dat naar den Grootmeester op +Malta werd gezonden, die, na den Raad der Orde te hebben gehoord, +het godsdienstig gewaad aan den aanvrager liet uitreiken. + +Men ziet dus, met hoe groote zorg de nieuwelingen onder de Ridders +werden opgenomen, ten einde toch maar in die godsdienstige militie +een hoogen en volkomen authentieken adel te behouden. + +Als er niets mankeerde aan de bewijzen ten gunste van een candidaat, +kon hij worden aangenomen op drie tijden of op drie verschillende +leeftijden. Hij trad als mondig lid tot de Orde toe op zestienjarigen +leeftijd, ofschoon hij zich eerst op 21-jarigen leeftijd naar Malta +behoefde te begeven; hij betaalde als intreêgeld ongeveer 260 gouden +kronen. De aangenomen candidaat kon ook als page van den Grootmeester +al op twaalfjarigen leeftijd toetreden en mocht dat blijven tot zijn +vijftiende jaar. En eindelijk, in de laatste jaren van het bestaan +der Orde maakte men ook minderjarigen tot lid, namelijk kinderen in +de wieg. + +De Ridders, die in het Kapittel waren opgenomen, nadat ze de bewijzen +van ouden adel hadden geleverd, welke wij hebben opgenoemd, huwden +niet en kregen eerst stem in het Kapittel, als ze hun "karavaantocht" +hadden meegemaakt, dat is, als ze aan de gewapende expedities hadden +deelgenomen. + +De Orde, die bestond uit Ridders van wel acht verschillende volken, +werd verdeeld in acht "Tongen", namelijk Provence, Auvergne, Frankrijk, +Italië, Castilië, Aragon, Engeland en Duitschland. + +De "tong" Italië was bijzonder streng in de toelating, want ze eischte +van elk der candidaten tweehonderd jaren van erkenden adel voor elk +der vier kwartieren, terwijl die vier kwartieren reeds een onmisbare +voorwaarde waren voor de toelating. Overeenkomstige eischen werden +in de afdeelingen Aragon en Castilië gesteld. Maar er was op Malta +geen volk, waarvoor de bewijzen nauwkeuriger werden onderzocht dan +voor Duitschland. + +De Ridders waren bijzonder gevoelig op het punt van eer, en +tweegevechten kwamen veelvuldig te La Valette voor. Die duels waren +echter aan zekere beperkingen gebonden. Zoo moesten de tegenstanders, +wilden zij niet de zwaarste straffen over zich zien gebracht, den +degen in de schede steken, onmiddellijk als een vrouw, een priester +of een ridder het hun beval. Men zou geneigd zijn te denken, dat +de duels in zulke omstandigheden zelden bloedig zouden zijn. Dat +is echter een dwaling. Wanneer een Ridder in een duel was gedood, +werd er altijd een kruis geteekend op den muur tegenover de plaats, +waar hij gevallen was. Er waren veel van die kruisen te zien in de +straten van La Valette. + +Twee Ridders kregen eens twist bij het biljartspel. Een van hen, +die den ander reeds veel beleedigingen had toegeslingerd, vergat +zich ten slotte zoozeer, dat hij tot handtastelijkheden overging en +den tegenstander sloeg. Daarna weigerde hij zijn verontschuldigingen +aan te bieden of den degen te kruisen. Dat was een schandaal voor het +geheele eiland Malta, waar geen voorbeeld bekend was van een dergelijke +lafheid. De op zoo grove wijze beleedigde officier riep herhaalde +malen zijn tegenstander op en liet hem telkens den tijd, na te denken +over de gevolgen van een weigering. Maar alles was vergeefsch; de +beleediger bleef zich onttrekken aan de gevolgen zijner daad. + +Hij werd veroordeeld, gedurende vijf-en-veertig achtereenvolgende +dagen boete te doen in de kathedraal van Sint Jan, daarna vijf jaren in +een gevangenis door te brengen en zijn leven in gevangenschap in een +fort te besluiten. Naar men meent is door geen maatregel van genade +dit strenge vonnis verzacht. + +De Orde was, zooals wij boven hebben gezien, verdeeld in "Tongen", en +aan elk van die was een paleis toegewezen voor haar vergaderingen. De +Ridders gebruikten er hun maaltijden; vandaar dat die paleizen wel +herbergen werden genoemd. Die acht "herbergen" bestaan nog onder +dezelfde namen van vroeger, dus herbergen van Provence, van Auvergne, +van Frankrijk, van Italië, van Aragon, van Duitschland, van Castilië +en van Engeland. + +Frankrijk had drie herbergen. Daaruit kwamen de meeste Grootmeesters +der Orde voort; zij leverde de meeste ridders en droeg het meeste bij +tot den roem en de grootheid der Orde. Door een zonderlingen loop +van zaken, die onverklaarbaar moet heeten, was het voor Frankrijk +weggelegd, de grootsche instelling op Malta te vernietigen, welke +het eeuwenlang toch zoo krachtig had gesteund. + +Toen het leger, dat Bonaparte naar Egypte bracht, in 1798 Malta +voorbijging, bezat de Orde ondanks den achteruitgang in haar financiën +er toch nog een voorraad van 1500 kanonnen, mortieren en houwitsers, +35.000 geweren, 12.000 vaten kruit, twee schepen van groote afmetingen, +een fregat, drie galeien enz. Het personeel bestond uit een effectief +van 17.000 man, onder wie 332 Ridders. Die hulpbronnen, die toch +werkelijk niet te versmaden waren, werden ongebruikt gelaten door den +Grootmeester; hij liet, zonder weerstand te bieden, Bonaparte zich van +La Valette meester maken en ook van de oude stad. Den 13den Juni werd +er een overeenkomst gesloten, waarbij de heerschappij over Malta en +onderhoorigheden overging aan de Fransche Republiek. Die verovering +van Malta door de Franschen maakte een einde aan het politiek bestaan +der Ridders van St. Jan. + +De ontruiming van het eiland door den Grootmeester en de Ridders +berokkende den bewoners onberekenbare verliezen. Vooreerst was de +Grootmeester hun schuldenaar voor ongeveer een millioen francs, +en de op Malta wonende Ridders ten getale van meer dan 600, lieten +aanmerkelijke schulden na. Aan den anderen kant waren vele familiën, +waarvan de leden ambten op het eiland bekleedden, geruïneerd. + +De verplichting, die hun werd opgelegd, om officieren te herbergen, +werd als een zeer hinderlijke maatregel beschouwd. De zeden der +Maltezers werden gekrenkt door het feit, dat de menschen vreemdelingen +tot hun huiselijken kring moesten toelaten. Eindelijk werkte ook +de belasting, die er moest worden opgebracht, om in de onkosten +van de kazerneering der soldaten te voorzien, de ontevredenheid in +de hand. Deze openbaarde zich in heviger mate te La Valette dan op +het platteland. + +Zoodra het eiland onder fransch bestuur was gekomen, werd het door +Sicilië op den index geplaatst, en dat eiland weigerde den toegang +tot zijn havens aan de verschillende maltezer schepen, die er zich van +levensmiddelen kwamen voorzien. De verschijning van enkele engelsche +fregatten in de wateren van Malta, kort na de bezetting door de +Franschen, belette het uitgaan der koopvaardijschepen, geladen +met katoen voor Spanje uit de haven van La Valette. Daar zoo de +katoenhandel geknakt was, waren de vrouwen, die over het algemeen geen +andere hulpmiddelen hadden dan het spinnen, tot den bedelstaf gebracht. + +Alles scheen buitendien samen te werken, om de Maltezers ontevreden +te stemmen. Men had het grootste gedeelte van het zilver, dat zich +in de schatkist van de oude stad bevond, weggehaald, om er geld van +te munten. De kloosters, behoorende tot dezelfde Orde, moesten tot +een enkel worden vereenigd, en de acten van den Burgerlijken Stand +moesten in orde worden gemaakt als in Frankrijk. Velen meenden daaruit +te moeten opmaken, dat de doop was afgeschaft en dat voortaan het +huwelijk als sacrament opgehouden had te bestaan, enz. enz. + +Al die verschillende redenen van ontevredenheid, gevoegd bij +de vooroordeelen, die men in den geest der Maltezers had doen +ontstaan in zake de Fransche Revolutie, hadden het terrein uitstekend +voorbereid voor den opstand, welke plotseling uitbrak tegen de fransche +overheersching. De aanhangers van het hof van Napels en de Engelschen +waren er mogelijk niet geheel vreemd aan.... + + + + + +Waarschijnlijk zal men met verbazing vernemen, dat de Orde der Maltezer +Ridders nog bestaat. Evenals vroeger is zij in "Tongen" verdeeld, dat +wil zeggen in verschillende nationaliteiten. Men heeft de italiaansche +afdeeling, die tegenwoordig omvat het Groot-Prioraat van Rome, het +lombardisch-venetiaansch Groot-Prioraat en dat der Beide Siciliën, +dan de duitsche afdeeling, die het boheemsche Groot-Prioraat bezit +en de spaansche afdeeling. Buiten die vier "Tongen" vormen takken der +Orde geregelde genootschappen, dat der rijnsch-westfaalsche Ridders, +dat der silezische Ridders, dat der engelsche Ridders en dat der +fransche Ridders. + +De Orde is vaak door de europeesche mogendheden erkend. Zij is +diplomatiek vertegenwoordigd geweest op het Weener Congres in 1813 +door twee gemachtigden, verder op het congres van Aken in 1818 en +eindelijk op het congres van Verona in 1822. + +In 1844 stelde de hertog de Broglie voor, de Orde af te vaardigen +als gemachtigde van alle beschaafde volken naar een internationale +conferentie tot afschaffing der slavernij in Afrika. Bij de nog +niet lang geleden gehouden Conferentie van Genève werd de Orde van +Malta officiëel opgeroepen, en zij nam door haar afgevaardigde aan +de debatten deel, waaruit de beroemde Conventie van het Roode Kruis +voortvloeide. + +De heer L. de la Brière heeft een zeer belangrijk werk uitgegeven +over de Orde der Maltezer Ridders. Ik heb er de gegevens aan ontleend, +die ik hier heb gebruikt. + +De Orde is erkend door den Pauselijken Stoel; ze heeft een officiëelen +gezant op het Vaticaan, die er aan alle plechtigheden deelneemt. "De +katholieke mogendheden", zegt de heer de la Brière, "houden de Orde +in eere, al zijn ze nog niet tot een diplomatieke uitwisseling van +vertegenwoordigers overgegaan. De uniform van Malta wordt altijd aan +de hoven van Europa met onderscheiding behandeld, en alle vorsten +dragen in persoon de eereteekenen der Orde." + +De schrijver verhaalt een zeer belangwekkend feit, waarvan de graaf +Chandon de Briailles de held was. Tijdens den fransch-duitschen oorlog +onderhield de graaf te Epernay op zijn eigen kosten een ambulance +van zeshonderd bedden. De Duitschers maakten zich van de stad en +van de ambulance meester. De graaf de Briailles wordt verwijderd, +bijna uit het bezit gestooten van zijn eigen ambulance. Daar komt hij +op het denkbeeld, zijn costuum van Maltezer Ridder aan te trekken +en zoo te midden van zijn zieken te verschijnen; dadelijk bewijzen +de Duitschers hem alle eer, groeten hem beleefd, laten hem vrij, +om zijn liefdadig werk te vervolgen, en toonen voor zijn persoon +den grootsten eerbied. Dus is het Maltezer kruis het voorwerp van +algemeene vereering. + +De Orde bezit ondanks de beroovingen, waaraan zij dikwijls heeft +blootgestaan, nog haar plaatselijke inkomsten, vooral in Boheme, +Tyrol en Italië. Het zijn schenkingen, die voor hun geheele leven aan +enkele leden der Orde zijn gedaan. De begiftigden deden echter afstand +van hun eigendom, om zich aan werken van liefdadigheid te wijden. Te +Rome heeft de Orde in de deftigste wijk, in de Condottistraat, een +groot paleis, waar de Grootmeester en de kanselarij wonen; op den +Aventijn bezit ze een kerk en een klooster van Maria met een villa +en uitgestrekte tuinen. + +In Italië, Oostenrijk en Boheme bezit de Orde een honderdtal +Commandementen, o.a. te Pérouse, Ferentino, Osimo, Viterbo, Orvieto, +Pontecorvo, Parma, Sorrento, Beneventum, Palermo, Reggio, Weenen +en Brünn. + +De Orde werkt op hospitaalgebied, dat haar oorspronkelijk terrein +was. Ze heeft haar hospitalen in Europa en in het Heilige Land; +ze houdt haar oorlogsambulances in goeden staat, dat ze dadelijk in +functie kunnen treden, evenals de treinen voor de ambulances. Haar +leden hebben vooral in Westfalen en Silezië de hulp aan de gewonden +op het slagveld in hun handen gecentraliseerd, en bezitten er een +machtige organisatie. + +De tegenwoordige staat der Orde omvat twee soorten van leden, die +scherp onderscheiden categorieën vormen. + +De eersten, de Broeders, in de Orde Ridders van het Recht genoemd, zijn +zij die, na hun bewijzen te hebben geleverd, dus na door authentieke +stukken hun acht kwartieren van adeldom te hebben bewezen zonder +een enkele mésalliance, toegelaten zijn met een noviciaat van tien +jaren, en die de kloostergelofte in den traditioneelen vorm hebben +afgelegd met het oude ceremoniëel. Zij blijven in de wereld leven, +maar zijn streng gehouden aan het godsdienstig celibaat. Er zijn van +die broeders tien in geheel Europa. + +De leden van de tweede categorie, of leden van eer en devotie, zijn +veel talrijker, hun aantal bedraagt meer dan duizend. Zij leggen geen +enkele gelofte af en behouden den adellijken titel hunner geboorte. + +Bij uitzondering kan de Grootmeester vanwege belangrijke diensten, +aan de Orde bewezen, onder den naam van Ridders der Genade, +enkele begunstigde leden toelaten, van wie geen bewijzen worden +gevorderd. Zoo iemand was de beroemde kardinaal Berryer, was ook +kardinaal Lavigerie en dan ook het Academielid Michaud, die de +geschiedenis der kruistochten schreef. + +In Frankrijk heeft men alleen Ridders van eer en devotie, en dat aantal +is nog vrij gering. Op den uitdrukkelijken wensch van den Grootmeester +en op initiatief van baron de Montaignac hebben die Ridders zich +vereenigd tot een genootschap van liefdadigheid, zooals dat ook reeds +hadden gedaan de Maltezer Ridders van sommige andere landen. Wijlen de +hertog de Sabran en wijlen de hertog de Mortemart zijn successievelijk +voorzitter geweest van de groep der fransche ridders, wier hoofd op +dit oogenblik de graaf de Rohan-Chabot is. Twee fransche geestelijken +behooren ook tot het genootschap, de abt Pascal, kapelaan, en de abt +Gonon, pastoor van Sint Jan van Malta, te Aix in Provence. + +Elk jaar houdt het Genootschap een vergadering, waar over de +werkzaamheden beraadslaagd wordt en waarbij door den kapelaan een +mis wordt voorgediend voor de overleden broeders in de kapel van de +basiliek van Montmartre, die aan Johannes den Dooper is gewijd. Aan +het slot van dien dienst vereenigen de Maltezer Ridders zich gewoonlijk +aan een vriendschappelijken maaltijd. + +Te Parijs hebben ze het Sint-Janshospitaal met consultatiekamer, +een huis op de hellingen van Montmartre in de schaduw van de kerk van +het Heilige Hart; er is niets schitterends aan, en men ziet er enkel +een vriendelijke villa, die vroolijk en eenvoudig in het groen is +gelegen. Bij de algemeene armenzorg van Montmartre is een deel van +het werk aan de Ridders opgedragen, en verscheiden keeren roept op +den heuvel van het Heilige Hart het hospitaal van Sint Jan onder de +troepen hongerigen diegenen tot zich, die het meest te beklagen zijn, +om ze te troosten, te helpen en hun wonden en kwalen te genezen. + +Het witte kruis met de acht punten is op de poorten aangebracht en +ook op de meubels in de consultatiekamer. Een der ridders, graaf +Gaston Chandon de Briailles, houdt persoonlijk toezicht op het werk +en geeft zijn krachten en zijn hart aan de zaak. + +Een ander lid van de Orde, tevens medicus, doet het geneeskundig en +chirurgisch werk, graaf Churchill. Nadat hij in de Orde van Malta was +opgenomen, en nadat de gewone jaren der academische studiën voor hem +voorbij waren, heeft deze met ambitie naar het goede strevende man +zich met allen ernst op de studie toegelegd en heeft den graad van +doctor in de medicijnen verworven, alleen met het doel, zich volgens +de wet aan de zorg voor de armen te mogen wijden in den geest der Orde. + +Er was op Malta zelf ook altijd voor de Ridders werk in overvloed, +want in de aardige stad La Valette met haar interessante herinneringen +kent men donkere en ellendig armoedige straatjes. Bij een wandeling +met den secretaris van het fransche consulaat kwamen we toevallig +onverwachts in de wijk Manderaggio, het treurigste hoekje op Malta. + +Uit de zindelijke en lichte straten waren we plotseling zonder +overgang in een wirwar van steegjes verzeild geraakt, smalle nauwe +doorgangen tusschen hemelhooge huizen, alle oud en vervallen. Het +was als een doolhof en telkens liepen we stomp en moesten omkeeren, +om ons eindelijk weer bij het begin terug te vinden. + +Bogen hangen hier en daar over de straatjes heen en geven, naar +het schijnt, stevigheid aan de oude muren, die vol spleten zitten, +afgeschilferd zijn en waar door vuile buizen onwelriekend vocht +stroomt. De bodem wordt gevormd door groote, platte steenen, +die glibberig zijn door vuil, kleverig vocht. Overal ligt afval +te verrotten en vergiftigt de lucht, terwijl keukengeuren uit de +donkere holen opstijgen en door hun scherpte den voorbijganger de +keel als toeschroeven. + +Wie echter veel houdt van schilderachtige dingen, niet al te hevig +gehinderd wordt door onaangename geuren, kan met de levendigste +belangstelling een wandeling doen door Manderaggio. De bevolking, +die in die ongenoemde steegjes woont, in dien wirwar van zonderlinge +huizen, biedt veel belangwekkends aan. Nu en dan valt er een vreemd en +grillig licht op groepjes kinderen, die er, o wonder, frisch en gezond +uitzien op dien mesthoop; zij zingen en spelen, en de huisvrouwen gaan +heen en weer op onbezorgde en vroolijke manier, maken groenten klaar, +bereiden visch, en onder het knetteren van het bakken mengt zich gelach +en vroolijk geroep, maar ook het geklok van het vuile water, dat van +de bovenverdiepingen haastig door de afvoerbuizen naar beneden loopt. + +In Manderaggio ziet men in de donkere gangen van de zoo oude huizen +en het weerzinwekkende vuil van eindelooze ellende het intense leven +even goed of beter dan in de rijke wijken van La Valette. + +Die armoedige bevolking is overigens vol eerbied en hulpvaardigheid +voor den vreemdeling, die zich onder haar waagt. Het kwam mij zelfs +voor, dat ik er oneindig veiliger was dan in de straten van Palermo +en Grenada, of, om kort te gaan, in alle groote steden van Spanje en +Italië, waar men ook die groote tegenstellingen aantreft van rijkdom +en armoede. + +Ik wil daarmee niet zeggen dat het onveilig zou zijn, in die steden +bij dag door de volkswijken te gaan, maar men krijgt toch een gevoel, +of men op zijn hoede moet wezen. Te Palermo bij voorbeeld zal men, +als men met aandacht een of ander belangwekkend type bekijkt, al gauw +aangezien worden op een manier, die u uw schreden doet verhaasten, +zonder dat men lust krijgt zich er langer op te houden. Hier ondervond +ik niets dergelijks. Men beweegt zich overal zonder eenig gevaar. + + + +III. + +De monumenten van La Valette.--De Sint Jans-kathedraal en haar +achttien kapellen met de graven der Grootmeesters.--Geschiedenis der +voornaamste Grootmeesters.--Het verlies van de schatten uit de Sint +Janskerk.--Het paleis der Grootmeesters.--De bibliotheek.--Het Paleis +van Justitie, de oude herberg van Frankrijk.--Het arsenaal.--Een met +beenderen behangen zaal in een hospitaal.--De kerkhoven.--Bezoek aan +Città Vecchia, de oude hoofdstad van Malta.--Aanzien van het land.--De +Sint Paulsgrot.--De Maltezers en de engelsche overheersching. + + +De groote Sint Janskerk der Ridders, waar alle graven der Grootmeesters +zijn te vinden, is het merkwaardigste bouwwerk van La Valette. Ik +bedoel hier niet zoozeer uit het oogpunt van het uiterlijk, van de +architectonische beteekenis, want het gebouw is zwaar, massief en +streng, eerder een fort dan een kerk, maar uit historisch oogpunt. Twee +kortdikke klokkentorens, een voorhal, een balcon of terras, waar de +Grootmeester zich voor de eerste maal na zijn verkiezing aan het volk +vertoonde, als het Conclave hem had aangewezen, dat is eigenlijk alles, +wat het uitwendige van het heiligdom ornamenteels vertoont. Op den +top van den gevel stond oudtijds een reusachtig borstbeeld van den +Heiland, een bronzen beeld, dat de galeien der Orde bij het verlaten +van de groote haven begroetten, wanneer ze uitgingen op een kruistocht +tegen de Muzelmannen. + +De Sint Janskathedraal is, afgezien van de rijke versieringen aan de +wanden, in het inwendige van bijzonder eenvoudige conceptie. Het is een +groot parallelogram, dat een gewelf met dubbele bogen draagt. Aan dat +gewelf is in achttien afdeelingen of kaders de geschiedenis voorgesteld +van den heilige, naar wien de kerk genoemd is. Het forsche, krachtige +werk is men verschuldigd aan het penseel van den Ridder Matthias +Préti, bijgenaamd de Calabrees, leerling van du Guerchin en vriend +van Rubens. Maar ongelukkig zijn die schilderijen slecht gerestaureerd +en hebben veel van hun oorspronkelijke bekoring verloren. + +Achttien kapellen, die in elkander loopen en zoodoende een soort van +galerij vormen, bevinden zich in elk der zijvleugels. Zeven ervan +waren gewijd aan de zeven "Tongen", waaruit de Orde bestond. De +wanden, versierd met houtsnijwerk, dat verguld en in houtreliëf is +aangebracht, stellen symbolen en godsdienstige plechtigheden voor van +de volken, waartoe leden der Orde behoorden, met de prachtige graven +der Grootmeesters van elke afdeeling. + +Al die graven, behalve die van de duitsche kapel, zijn met marmer +bekleed, en erboven prijkt het borstbeeld of het beeld ten voeten uit +van den overledene, terwijl er gebeeldhouwde medaillons en schilderwerk +omheen zijn aangebracht. Verscheiden van die kunstwerken werden door +Matthias Préti uitgevoerd. Die van de duitsche kapel zijn van een +maltezer kunstenaar. + +Als men de basiliek betreedt, die er van buiten zoo eenvoudig uitziet, +wordt men allereerst getroffen door de rijke versiering. Men moet +daarbij echter niet vergeten, dat meer dan drie eeuwen lang het +heiligdom der Ridders voortdurend verfraaid kon worden door de +groote mildheid der Orde, Boven het hoofdaltaar, dat druk bewerkt is, +schittert op een breed voetstuk een groote marmeren groep, den doop +van Christus door Johannes den Dooper voorstellend. Dat prachtige, +witte kunstwerk is van den maltezer kunstenaar Melchior Gaffa, die +het plan ontwierp en nog een begin maakte met de uitvoering. Na zijn +dood werd het voltooid door den beroemden beeldhouwer Bernini. + +Zilveren pilaren scheiden het koor van de rest der kerk. Het +plaveisel der kerk bestaat geheel uit groote marmeren grafsteenen van +verschillende kleur, waarin kostbare gesteenten mozaïeken vormen. Een +reuzenbladzijde met necrologieën ontrolt zich voor onze voeten. Daar +staan de groote heldenfeiten te lezen uit het leven der roemrijke +strijders. De geheele hooge aristocratie van Europa kan er de eene +of andere herinnering vinden van een voorvader of vriend. + +Het graf van den Grootmeester Nicolaas Cottoner maakt vooral een diepen +indruk. Op een voetstuk, door twee karyatiden gedragen, ziet men twee +overwonnenen, een Muzelman en een neger in ketenen, verder het bronzen +borstbeeld van den Grootmeester met den kraag der geestelijken en het +harnas van den krijgsman, en dat alles op een hoop aan den vijand +ontnomen vlaggen. Ook kan men er de halve maan der Mohammedanen op +vinden met helmen, kanonnen en wapens van allerlei soort. Alles is +in wit marmer uitgevoerd. Achter het borstbeeld verheft zich een +pyramide met het wapenschild en de Faam, die op een bazuin blaast, +terwijl een engel op de groep wijst. Die figuren, het schild en de +pyramide zijn ook van marmer. Het geheel is van zeer decoratieve +werking en maakt een rijken indruk. + +De Orde had aan Nicolaas Cottoner den aanleg van verscheiden +versterkingen te danken. Een ervan draagt nog zijn naam. Hij droeg +veel bij tot de weerbaarmaking van Floriana en Marsa Muscet. Om de +verdediging van den ingang tot de groote haven te voltooien, liet hij +het fort Ricasoli of het Koningsfort aanleggen van de dertig duizend +kronen, die een Ridder voor dat doel afstond. Paus Clemens de Tiende +wenschte in een pauselijken brief den Grootmeester Nicolaas Cottoner +geluk met zijn pogingen om Malta te versterken, Malta, dat het bolwerk +was voor alle staten der christelijke wereld. + +Het grafmonument, dat opgericht werd voor Raymond Perellos de +Roccafoull van de "Tong" Aragon, baljuw van Negropont, vóór hij +tot het grootmeesterschap werd verheven, is zeer rijk versierd en +van groote uitwerking. Zijn bronzen buste komt naar voren uit een +uitgehold marmeren medaillon. Erboven prijken zijn wapens, door vlaggen +omgeven. Aan den voet staat een engel, leunend op de attributen der +lictoren. Het Recht, voorgesteld door een vrouw, houdt de weegschaal; +een vrouw zoogt een kind. Die beide vrouwenfiguren van wit marmer zijn +gezeten aan weerszijden van het monument. Het voetstuk vertoont een +bundel wapens en schilden, op het een waarvan men de halve maan ziet, +terwijl op het andere een Gorgonenhoofd is afgebeeld. + +De Grootmeester Raymond Perellos had een lange en aan feiten rijke +regeering. Hij onderscheidde zich door zijne groote vrijgevigheid voor +de gezinnen, wier leden in den dienst der Orde stierven; hij bracht +veel nieuwe versterkingen aan en verwaarloosde niets van wat hij +meende dat geschikt kon wezen om den glans en den roem der Orde te +verhoogen. Tweemaal per jaar worden aan de muren van de kathedraal +prachtige tapijten opgehangen, die het leven van den Verlosser +voorstellen, en den Triomf van het Christendom. Ze zijn een legaat +van den Grootmeester Perellos. + +Het monument, dat gebouwd is voor den Grootmeester Marcus Antonius +Zondodari, die uit Siena geboortig was, is ook zeer prachtig; +het onderscheidt zich door een gelukkige vereeniging van marmer en +brons. Als bij al die grafmonumenten in de Sint-Janskerk der Ridders +van Malta, brengt een legende, in het voetstuk gebeeldhouwd, de +deugden en weldaden van den Grootmeester in herinnering. Hier ziet +men hem, liggend op zijn doodkist, die door naakte kinderen wordt +gedragen. De Oorlog, voorgesteld door een vrouw, schijnt met behulp +van een kind bezig, de plooien te leggen van de vlag, waarin hij zal +begraven worden. + +Antoine Manuel de Vilhena, Portugees van de afdeeling Castilië, +werd tot Grootmeester gekozen bij den dood van Zondodari. Het voor +hem opgerichte monument behoort tot de mooiste, die de prachtige +Sint-Janskathedraal der Maltezer Ridders sieren. Altijd bewondert +men de harmonieuse rangschikking der onderdeelen, die al die +graven kenmerkt, den overvloed van motieven en symbolen, die er +levendigheid aan geven, en den rijkdom en de verscheidenheid der +gebruikte materialen. + +Bij dit laatste wordt het borstbeeld, gevat in een medaillon, door +een krans van laurierbladen gevormd, door engelen aangeboden. Op de +voorzijde heeft de Faam naast de wapens met een kroon er boven de +bazuin aan den mond gebracht. Op de sarcofaag, door bronzen leeuwen +gedragen, houdt een kind het zwaard opgeheven, den enormen eeredegen +van den Grootmeester. Andere kinderen storten tranen. + +Antoine Manuel de Vilhena had alle rangen der Orde doorloopen. Hij +was gewond geworden bij een aanval op twee tripolitaansche schepen, +die generaal Antoine Corea de Souza in 1680 buit maakte. Hij werd +achtereenvolgens benoemd tot majoor, kolonel en commandant van een +galei, tot commissaris der bewapening, groot-kanselier der Orde, +baljuw van Acre en eindelijk tot schatmeester der Orde. In zijn +qualiteit van Grootmeester liet hij het fort Manuel oprichten op het +eilandje Marsa-Muscet. + +Wij mogen bij deze beknopte opnoeming niet vergeten het graf van +Jean de la Valette, die in 1586 stierf. Een lang opschrift telt +zijn heldendaden op, zijn overwinningen op de Turken, de beroemde +belegering, die hij van het leger van Soliman had te doorstaan, en +vooral de stichting van de groote stad, die door zijn toedoen zoo +gevreesd werd. Soliman de Tweede zag met de grootste bezorgdheid de +toenemende macht, welke de Ridders in de Middellandsche Zee kregen, +en waarvan hij de duidelijkste blijken kreeg door de vernieling van de +meeste zijner vloten. Hij besloot Malta aan te vallen en er de Ridders +uit te verdrijven, die hij te voren reeds van Rhodus had verjaagd. In +den loop van het jaar 1565 drongen honderd-vijftig turksche schepen +in de haven van Marsa Scirocco binnen, en zetten er zestig duizend +gewapende mannen aan land, onder bevel van den pacha Mustapha, van +Dragut, en van den dey van Algiers. + +De gedenkwaardige belegering van La Valette deed de dapperheid der +Ridders duidelijk uitkomen. De Grootmeester van Malta, Jean Parisot +de la Valette, bewees in die moeilijke omstandigheden, dat hij waardig +was de opvolger van L'Isle Adam te zijn. Zijn stoutmoedigheid en zijn +militaire talenten gaven hem daar recht op. + +De resultaten van de toen op de Turken behaalde overwinning waren +niet gering. Malta was bevrijd; Italië was weer veilig en Europa kon +gerust zijn. Twintig duizend Turken waren op het slagveld gebleven, +en generaal Mustapha, hun aanvoerder, had met het overschot van +zijn leger een toevlucht gezocht aan boord van zijn schepen en ging +heen van Malta. Keizer Soliman kreeg een zeer diepen indruk van deze +nederlaag. Hij dacht er over, een nieuwe expeditie te organiseeren, +die hij zelf wilde leiden en waarover hij in persoon het bevel dacht +te voeren, toen de dood hem overviel te midden van zijn plannen van +wraak en vernieling. + +Na die roemrijke zegepraal liet de Grootmeester La Valette, ondanks +zijn hoogen leeftijd en zijn wonden altijd even onvermoeid, de +versterkingen, die de Turken hadden verwoest, herstellen. Hij beloonde +op edelmoedige wijze zijn bondgenooten en de bewoners van het eiland, +die hem met zelfverloochening hadden bijgestaan, en die bij dit beleg +meer dan zeven duizend van hun landgenooten hadden verloren. + +Toen was het, dat met den materiëelen steun, dien Frankrijk, Spanje, +Portugal en de italiaansche vorsten hem verleenden, hij in 1566 de +fondamenten legde van de naar hem genoemde stad. + +Wij hebben nog niet van de oneenigheid gesproken, die er ontstond +tusschen hem en den paus en die de laatste jaren van het roemrijk +bestaan van Jean Parisot de La Valette verbitterden. Om de +droefgeestigheid te verjagen, die zich van hem had meester gemaakt +ten gevolge van die moeilijkheden, steeg hij te paard, gevolgd door +zijn jachtgezelschap, en begaf zich naar de vlakte aan de golf van +Sint Paul, om er patrijzen te jagen. De zeer groote hitte van dien dag +hinderde hem; hij kreeg een zonnesteek en kwam met koorts in de stad +terug. Na den dood van de La Valette vermeerderden de Grootmeesters, +zijn opvolgers, de versterkingen der door hem gebouwde stad. + +Zij bouwden ook nieuwe forten in het binnenland van het eiland en +stelden de kusten beter in staat van verdediging. Maar deze maatregelen +bleken nog niet voldoende, om aan de sultans van Turkije alle hoop te +ontnemen, zich eenmaal weer van dat eiland meester te maken, dat hun +handel steeds maar weer afbreuk deed. Zij deden van tijd tot tijd +landingen, maar ze werden telkens verslagen en met groot verlies +teruggeslagen. Eindelijk maakten de Maltezers zich meester van een +turksch schip, dat met aanzienlijke rijkdommen beladen was. Het had +prins Osman en prinses Fatima aan boord, kinderen van keizer Ibrahim, +die op weg waren naar Alexandrië met het plan naar Mekka te reizen. + +Op Malta werden de doorluchtige reizigers met de grootste +onderscheiding behandeld en men bewees hun alle eer, die men aan hun +rang verschuldigd was. En wat als bewijs kan dienen voor de groote +edelmoedigheid der Ridders, prinses Fatima werd, met geschenken +overladen, op haar eigen schip teruggezonden naar Konstantinopel. Prins +Osman, die getroffen was door zooveel edelmoedigheid, wilde Malta niet +weer verlaten. Hij ging tot het Christendom over en werd monnik op +Sint-Dominicus, waarvoor hij afstand deed van de kroon van een groot +rijk, zonder zelfs de waardigheid te willen aannemen van kardinaal, +welke de paus hem aanbood. Ibrahim, die ten diepste gegriefd was +in zijn hart en in zijn politiek, besloot zich te wreken door de +verwoesting van Malta. Hij maakte reeds verbazende toebereidselen +voor dat doel, toen de dood hem verraste, zooals hij het Soliman had +gedaan, vóór de wraakplannen tot uitvoering waren gekomen. + +In de kapel, aan de "tong" van Frankrijk gewijd, herinnert het +graf van graaf du Beaujolais aan het lijden van een ongelukkigen +prins uit het huis Bourbon, die in 1808 op Malta stierf, waar hij om +gezondheidsredenen was heengegaan. Men vindt er ook het graf van den +Grootmeester Emmanuel de Rohan, welke graftombe een schoon kunstwerk +te zien geeft, de onthoofding van Johannes den Dooper voorstellend, +van de hand van Michel Angelo van Caravaggio. + +In de krypt bevinden zich de graven van verscheiden andere +Grootmeesters, o.a. dat van Villiers de l'Isle Adam. De onderaardsche +kapel van het Heilige Kruis bevat ook de graven van Pierre du Pont, +gestorven in 1535, dat van Jean d'Omèdes, die de Sint-Elmus- en +Sint-Michielforten liet bouwen en vele bastions liet aanleggen. Hij +overleed in 1533. Dan is er het graf van Claude de La Sangle, aan wien +de verdedigingswerken van de naar hem genoemde voorstad veel te danken +hebben; verder de graven van Guidalotti de Monte en van Jean Lévèque +de le Cassière, in 1581 overleden. Aan dien Grootmeester heeft men ook +den bouw van de Sint-Janskathedraal te danken, en hij zorgde ervoor, +dat de stoffelijke overblijfselen van zijn doorluchtige voorgangers +daarheen werden overgebracht. + +De schatkamer der Sint-Janskerk was in den tijd der Ridders door geheel +Europa beroemd, zoo groot was het aantal zeer kostbare voorwerpen, +dat ze bevatte. + +Men kon er als reliek een hand van Johannes den Dooper zien, in +goud gevat en ingelegd met diamanten, robijnen en andere kostbare +steenen. Zij was door Bajazet geschonken aan Pierre d'Aubusson, +Grootmeester van Rhodus. Er wordt ook melding gemaakt van een kruis +van edelgesteenten, dat een stukje van het echte kruis zou bevatten, +dan van een gouden lampetkan, gevuld met kostbare steenen, die Hendrik +de Achtste van Engeland aan Villiers de l'Isle Adam had aangeboden na +het verlies van Rhodus; dan van een prachtigen degen en van een dolk, +door Filips den Tweeden, koning van Spanje ten geschenke gegeven aan +den Grootmeester La Valette na zijn roemrijke verdediging tegen de +Turken. In grooten getale waren er verder de voorwerpen van goud, +zilver en diamanten, die de Grootmeesters en Groot-Priors van iedere +"tong" der Orde verplicht waren elke vijf jaar, aan de kerk aan te +bieden. Geen enkele basiliek bezat zooveel kostbare voorwerpen, zooveel +lampen en kandelabers van zilver en van die hoogte en zwaarte, dat +twee mannen ze slechts met moeite konden dragen. Van al die rijkdommen +is er niets meer over. Men beschuldigt het Directoire ervan, ze te +hebben geroofd. + +De vlag der Orde, en de kostbare schatten van de Sint-Janskerk, +welker waarde verscheiden millioenen bedroeg, werden meegevoerd op +het fregat La Sensible. De commandant van het schip, die tusschen +Malta en Toulon door de Engelschen werd aangevallen, liet, vóór hij +zich overgaf, alles over boord werpen. Zoo werden de schatten van +de Sint-Janskerk op Malta vernietigd; alleen de staatsiedegen, dien +de Grootmeester der Orde bij plechtige gelegenheden droeg, ontkwam +aan de algemeene ramp. Bij de capitulatie van het eiland werd het +staatsiewapen ter hand gesteld aan Napoleon, die het toevertrouwde aan +markies de Dolomieu, door wien het Directoire ervan in het bezit werd +gesteld. En zoo dient die degen nu tot opluistering van een vitrine +in de Nationale Bibliotheek, afdeeling medailles. + +Midden in La Valette, op het plein Saint-Georges, staat het +Regeeringspaleis, oude residentie der Grootmeesters, gebouwd door +Hyacinthe del Monte. Dat is een groot en zwaar bouwwerk, meer op +een vesting dan op een paleis gelijkend. Twee overdekte terrassen +en balkons versieren den voorgevel; maar dat zijn toevoegsels van +betrekkelijk nog jongen datum. Onder Grootmeester de Pinto werden beide +poorten, die uitkomen op het plein Sint-Georges, verfraaid met enkele +versieringen, waarvan de stijl slecht past bij het overige gebouw. + +Er is een opschrift, dat mij, als ik den muur, waarop het is +aangebracht, aanzie, aan het droomen brengt. Het luidt: "Magnae et +invictae Britanniae-Melitensium amor et Europae vox--has insulas +confirmant--A.D., 1814" d.w.z.: "Aan het groote en onoverwinnelijke +Brittannië--de liefde van de Maltezers en de stem van Europa--wordt +het bezit van deze eilanden gewaarborgd." + +Maar daar de waarheid is, dat het Congres van Weenen in 1814 aan de +Engelschen Malta liet behouden met de eilanden in de buurt, kan +men moeilijk beweren, dat het de liefde der Maltezers is geweest, +waardoor dat bezit werd gewettigd. + +Het Regeeringspaleis, de oude verblijfplaats der Grootmeesters, +wordt tegenwoordig bewoond door den gouverneur van Malta, en de +administratie is er met haar kantoren gevestigd. Op een binnenplein +staat een bronzen beeld van Neptunus, een werk van Jean de Boulogne, +dat eertijds in het Marinegebouw stond. + +Nadat men een breede, witmarmeren trap is opgegaan, komt men +door galerijen, waarvan één versierd is met de portretten van de +Grootmeesters der Orde, en de andere met schilderijen, voorstellende +de wapenfeiten en de heldendaden der Ridders. + +Die laatste galerij leidt naar de feestzaal, waar een vorstelijke +troon staat met de wapens van Engeland, en in de tapisseriezaal, +waar vroeger de Raad der Orde bijeenkwam voor zijn beraadslagingen. + +De leunstoel van den Grootmeester is er nog. De gobelins, die de wanden +bedekken, personifiëeren de vier werelddeelen. Enkele schilderijen +van veldslagen dragen tot de versiering bij. Op de galerij komt ook +uit de groote wapenzaal met de bijzonder mooie en rijke verzameling +wapens uit de Middeleeuwen, maliënkolders, dijharnassen en armstukken, +kurassen, helmen, schilden en hellebaarden, de eerste vuurwapenen, +vuursteen- en andere geweren, in het geheel veertig duizend, en +eindelijk het zwaard van den beruchten zeeroover Dragut. Tusschen +al dat moordtuig hangt het portret van den Grootmeester Wignacourt, +door Caravaggio geschilderd. + +De bibliotheek van La Valette is ondergebracht in een sierlijk gebouw, +dat onder den Grootmeester de Rohan tot stand is gekomen. Zij is +gesticht in 1760 door den franschen baljuw Louis Guérin de Tencin en +ze werd eerst overgebracht naar het gebouw, waar zij zich thans in +bevindt, enkele jaren voor de verspreiding der Orde door Bonaparte. + +De boekenschat werd samengesteld uit de particuliere +boekenverzamelingen der Ridders, die gehouden waren hun boeken na +te laten aan die openbare instelling. Het gebouw staat in een tuin, +en is in ionischen stijl opgetrokken, sober van versieringen en toch +bijzonder mooi. + +Een breede laan leidt erheen. Een trap, die zich bovenaan in tweeën +splitst, geeft aan de eene zijde toegang tot de administratiekamer en +aan de andere tot de bibliotheek met haar 60.000 deelen. Er zijn daar +kostbare manuscripten, oude drukwerken en zeer interessante archieven, +die betrekking hebben op de oudste tijden der beschaving van het eiland +Malta. Opmerkelijk is ook, in een klein museum naast de bibliotheek, +een rijke collectie van voorwerpen der natuurlijke historie van het +eiland en vooral van de mineralogie. Met belangstelling zal men er +kennis nemen van oude dingen van phoenicische en grieksche afkomst, +op Malta en Gozzo aangetroffen. + +Onder de interessante gebouwen van La Valette moet het Justitiegebouw +worden genoemd, dat oudtijds een geheel andere bestemming had, want het +was de herberg van de "tong" Frankrijk. Genoemd moeten ook worden de +beide schouwburgen, de eene, die reeds oud is, werd opgericht onder den +Grootmeester Manuel de Vilhena. De andere, van jongen datum, is grooter +en weeldiger ingericht. Het is het Massimo- of Koningstheater. In 1873 +werd het door brand verwoest, waarbij alleen de muren bleven staan; het +is sedert dien tijd weer opgebouwd, maar het heeft nooit de schoone +versieringen teruggekregen, die de zaal vóór den brand opluisterden. + +Het Marine-arsenaal, dat men niet zonder speciaal verlof mag bezoeken, +is hoogst belangwekkend. Men kan er alle moderne verbeteringen +aanschouwen ter zake van zeevaart en den oorlog ter zee, en het geeft +te denken naar aanleiding van de macht der britsche marine. Alle +machines ziet men er in beweging; alle instrumenten zijn gereed of +kunnen dadelijk in werking worden gesteld, als er iets aan eenig schip +moet worden gerepareerd. Voorraadmagazijnen grenzen aan het arsenaal +en kunnen de vloot en het leger van het noodige voorzien, zoowel in +tijd van oorlog als in dien van vrede. In de buurt zijn de dokken, +die de grootste pantserschepen van de engelsche zeemacht kunnen bergen. + +Er zijn te La Valette verscheiden hospitalen, waarvan één in het +westelijk deel van de voorstad Floriana. Er zou niets bijzonders zijn +te zeggen over die laatste inrichting, als zij niet de allervreemdste +zaal bevatte, die men maar met mogelijkheid kan zien, en ik betwijfel +het, of er wel ergens een dergelijke te vinden is. Het is werkelijk +niet te begrijpen, hoe men op het zonderlinge en lugubere denkbeeld +is gekomen, de wanden dier zaal geheel uit beenderen te doen +bestaan. Bovendien is in een hooge nis een symbool van den tijd +geplaatst, een skelet met een zeis in de hand, omgeven door de +begrafenisattributen van den sombersten aard. + +Van beenderen heeft men er allerwonderlijkste wapenrustingen gemaakt, +voorts teekeningen, guirlanden en allerlei versieringsmotieven. Op +enkele plaatsen zijn symmetrisch en op bepaalde afstanden hoopen +schedels neergelegd; elders heup- en dijbeenderen, die als degens +elkander kruisen. Het is griezelig en belachelijk tevens, en men kan +zich geen voorstelling maken van het denkbeeld, dat bij die decoratie +heeft voorgezeten. + +Op korten afstand van La Valette zijn twee kerkhoven, de turksche +begraafplaats met opengewerkte koepels en witte minarets, die het +kerkhof in de verte op een kleine oostersche stad doen gelijken, +en het stadskerkhof op een plateau, waar een gothische kerk staat +met een slanken klokkentoren. + +Op een dag verliet ik La Valette, om mij naar Città Vecchia te +begeven of Città Notabile, de oude hoofdstad van het eiland. Bij +het verlaten van de stad door de massieve poort aan de wallen, die +den naam draagt van de Città-Vecchiapoort, lag er een in verblindend +zonlicht badende weg voor mij. Ik zag de reusachtige waterleiding, +die de Grootmeester Aloys de Wignacourt had laten aanleggen in 1616, +en die nu nog La Valette van water voorziet. Altijd bleef het een +verblindende zon, waarin ik slechts met moeite de voorwerpen herkende, +een terugkaatsing van het licht, die pijnlijk was, zoodat ik met half +gesloten oogen liep. + +Nu en dan verrees er in de verte een witte massa en draaide in spiralen +rond, werd grooter en steeg op naar de lucht, om dan met verwonderlijke +snelheid ons te naderen en te omhullen. Het was een stofwolk, door +den wind voortgedreven, en een tweede wolk volgde nog op de eerste. + +Dan plotseling lag weer het land onder de schitterende zonnestralen +te branden, dor en droog en als verkalkt door de hitte, neerdalend +van den donkerblauwen hemel. + +Alles was verblindend, de grond, de boomen, de verre gebouwen. Het +leek op sneeuw of op ongrijpbaar wit poeder, dat alles overdekte. De +lucht zelve was er door verduisterd. + +Meer op een afstand teekende, op een hoogte, een stad zich af tegen +den horizon, een mooie stad met een middeleeuwsch silhouet en palmen, +uitstekend boven de muren; dat was Città Vecchia. Op de golvende +vlakte links zag men dorpjes met alleenstaande klokkentorens. + +Steenen muren, waarop enkele vijgeboomen met hun stoffige bladeren +groeiden, omgaven de tuinen en sloten den weg in. Nu en dan ging +mij een voetganger voorbij, gebogen onder den storm van zon en stof, +of een arme vrouw, die een half naakt kind aan de hand had, en dan +was de stilte weer daar. + +Wij beklommen den heuvel, gingen over een ophaalbrug, en waren in +een smalle straat, die bochtig was, maar ons toch naar de kathedraal +zou brengen, het eenige bouwwerk, dat wij te Città Vecchia hebben +te bezoeken. + +Die oude hoofdstad van Malta, welker stichting nog tot vroegeren +tijd moet opklimmen dan de stichting van Rome, was in den aanvang +van betrekkelijk weinig belang; er wordt zelfs gezegd, dat het +slechts een gewoon versterkt kamp was. Er werden vele grieksche +en romeinsche oudheden gevonden, ook overblijfselen van tempels, +gewijd aan Juno en Proserpina. Op den top van den heuvel, waar +de oude stad ligt, heeft men de sporen van een prachtig romeinsch +paleis ontdekt. Twee-en-twintig eeuwen gingen over deze ruïnen heen, +gedurende welke de Arabieren, meesters van Malta, er de graven van +gebruikten, want men vindt er tegenwoordig nog de beenderen van hun +dooden in. Men zou gezegd hebben, dat de stad voortaan niet anders dan +een doodenstad moest zijn. Men heeft de fondamenten van de zuilengang +van dit paleis blootgelegd, verder prachtige mozaïeken, vazen en tal +van merkwaardigheden, die den oudheidkundige belang inboezemen. De +overblijfselen leggen getuigenis af van een vergevorderde beschaving in +den tijd dat barbaarschheid nog heerschte in een groot deel van Europa. + +Vóór de kathedraal van Città Vecchia ligt een steenen trap met twee +oude kanonnen, die door ik weet niet welken souverein aan de Ridders +werden aangeboden. Alleen om deze reden hechtten de Maltezers er +aan. De kathedraal verrijst op een pleintje en wel op dezelfde plaats, +waar het paleis van Publius lag, den prefect van Malta, die Paulus +opnam, toen deze apostel op reis van Palestina naar Rome, schipbreuk +leed op de kust. Publius, tot het Christendom bekeerd, werd tot +bisschop benoemd door Paulus en werd later als martelaar gedood te +Athene. De kathedraal dagteekent van 1702 en werd gebouwd volgens de +plannen van den maltezer architekt Lorenzo Gaffa. Aan elke zijde van +het altaar zijn twee tronen opgericht, die van den bisschop en die van +de koningin. Het gewelf van de kerk werd versierd met schilderwerk +van Vincent Manno. Het schilderwerk van het inwendige der kerk is +afkomstig van den Calabrees, wiens leerlingen de wanden der kapellen +versierden. Er zijn ook enkele moderne kunstwerken te bewonderen in +de kerk, o.a. de inlegwerken van het koor en twee mozaïekmedaillons, +voorstellend de apostelen Petrus en Paulus. + +Niet ver van de oude kathedraal herinnert een onderaardsche galerij, +die nog slechts voor een klein deel onderzocht is, aan de tijden van +vervolging, toen de Christenen zich moesten verbergen. Er zijn nergens +zulke uitgestrekte catacomben, en men weet nog volstrekt niet, hoe +groot ze wel zijn. De gedeelten, waar de mysteriën gehouden werden, +zijn nog aan te wijzen, en men vindt er eveneens een aantal kleine +holen, waar de eerste Christenen hun dooden begroeven. + +Het is interessant, de grot van den H. Paulus te bezoeken, in de +rots uitgehouwen, waar de apostel een schuilplaaats vond en waar +hij gevangen werd gehouden gedurende zijn verblijf op het eiland, +dat drie maanden duurde. + +Die crypt is in de zachte rots gemaakt. Enorme hoeveelheden van het +gesteente werden er langen tijd uitgehaald en naar alle deelen der +wereld verzonden, waar Christenen woonden. Er werd een koortswerende +kracht aan toegeschreven, en het werd genaamd pietra della grazia, +steen der genade. + +Monseigneur Lavigerie had te Carthago een pelgrimstocht in het leven +geroepen, die de in zoo grooten getale in Tunis wonende Maltezers +moest herinneren aan de Madonna van Melleha, welk beeld het hoogst +vereerde heiligdom in hun geboorteland versiert, de Paulusgrot. Het +was een der redenen waarom de kardinaal bij de Maltezers zoo bemind +was. Die Madonna zou door den apostel Lucas zelven op de wanden der +grot geschilderd zijn, toen hij er met den apostel Paulus een toevlucht +had gezocht na hun schipbreuk. De kardinaal had het schilderij te +Carthago laten reproduceeren. + +De Paulusgrot is een heilige plaats gebleven. Op een altaar staat +een beeld van den heilige van wit marmer. Het is het werk van den +maltezer beeldhouwer Melchiore Gaffa. Aan den voet van het beeld +brandt altijd een lamp. + +Volgens de Handelingen der Apostelen maakte Paulus na zijn schipbreuk +een vuur van takken aan, om zich te verwarmen. Een adder, die zich +in het hout bevond, beet hem in de hand en bleef eraan hangen. De +bewoners, die om hem heen stonden, zeiden onder elkaar: "Stellig +heeft die man een moord begaan, want pas is hij aan de woede der +golven ontkomen, of nog vervolgt hem de goddelijke wraak." Maar +Paulus schudde zijn hand en liet er het reptiel afglijden, dat hij +in het vuur wierp. De omstanders waren overtuigd, dat het venijn +van de adder zijn uitwerking niet zou missen, dat de hand zwellen, +en dat de zwelling zich weldra aan het geheele lichaam zou meedeelen, +zooals gewoonlijk gebeurt. + +Maar Paulus scheen in het geheel geen pijn te hebben, en de beet had +geen enkel nadeelig gevolg. Toen waren de Maltezers door het wonder +getroffen en vereerden Paulus voortaan als een god. + +Publius, gouverneur van het eiland, die hem bij zich ontving en zijn +goede zorgen aan hem wijdde, bracht hem aan het bed van zijn vader, die +door een hevige koorts was aangetast. Paulus legde hem de handen op, +begon te bidden en genas hem. Dat bericht verspreidde zich snel over +het eiland, en dadelijk stroomden de zieken in massa toe. De apostel +genas ze en bracht drie maanden op Malta door, voor hij naar Rome ging. + +Dichtbij de grot, op de plek waar een standbeeld Paulus voorstelt de +menigte toesprekend, is een holte in den grond, waar veel beroemde +personen der Christenheid begraven wilden worden als op gewijden +grond. De dooden zouden er rusten in volkomen vrede onder de hoede van +den apostel, die schipbreuk had geleden op de noordkust van het eiland. + +Van de hoogten van Città Vecchia had ik een groot deel van Malta aan +mijn voeten zien liggen in doodsche eentonigheid. Men zag er slechts +kale, boomlooze golvingen van den bodem, zonder groen, en overal +steenen en nog eens weer steenen met enkele dorpen, kloosters en +woonhuizen. Steden en dorpjes waren trouwens op deze plek dichtbij, +en de vrije natuur was eigenlijk ver te zoeken, zoodat het den +indruk maakte, dat een enkele stad de geheele oppervlakte van het +eiland overdekte. + +Hoezeer bewonderde ik toen de groote werkzaamheid der Maltezers, die +met geduld en volharding erin geslaagd zijn, hun rots prachtige oogsten +te doen voortbrengen. Want die droge en steenachtige terreinen, waar +bijna overal de rots aan de oppervlakte komt, geven een opbrengst van +veertig ten honderd. En de aarde, waar krijgen ze die vandaan? Er is +mij verteld, dat ze dikwijls de rotsen afgeschraapt hebben, om grond +te maken, en het is zeker, dat zeer vaak aarde op menschenruggen naar +de tuinen wordt gevoerd. Geen duimbreed rotsgrond wordt ongebruikt +gelaten; de bewoners hechten hun groenten vast aan elk uitstekend +punt van de rotsen; zij maken overal terrasjes en profiteeren zelfs +van natuurlijke spleten en holten. + +Men ziet geheele gezinnen van Maltezers volijverig boerenwerk +verrichten, wieden en spitten en onvermoeid gieten.... Maar het gaat +vaak lastig, want er is niet zelden gebrek aan water. + +Uit het oogpunt van schilderachtigheid zijn er weinig plekken te +roemen; maar al is het natuurschoon schaarsch, toch moet men niet +verzuimen een bezoek te brengen aan de Makluba in het Zuiden van het +eiland, aan de grens van het gebied van Krendi. Het is een zeer diepe +inzinking van den grond, een donkere kuil tusschen steile rotswanden, +waartusschen men in de diepte een tuin ziet liggen. + +Op korten afstand van dien afgrond, te Gebel-Kim, vindt men +de reusachtige ruïnen van een phoenicischen tempel, tegenwoordig +aangeduid met den naam Pietra della Venerazione. Opgravingen, die +men vroeger in die ruïnen heeft gedaan, hebben beenderen van dieren +aan het licht gebracht en een menschelijken schedel van ongewonen +vorm. Een geleerde bibliothecaris van La Valette beeft bewezen, dat +de tempel aan den phoenicischen Hercules was gewijd. Niet ver van +dit heiligdom was er een andere tempel, aan Esculapius gewijd. Er +zijn daar steenen van reusachtige afmetingen, die in hun behouwen +toestand uitstekend zijn bewaard gebleven. + +Op Malta bestaan nog andere ruïnen van deze soort, vooral in het +oostelijk deel van het eiland. Malta was inderdaad in de Middellandsche +Zee een punt van al te groot belang, dan dat het de aandacht niet +zou hebben getrokken van de Phoeniciërs en de andere zeevaarders +der Oudheid. Vooral de Phoeniciërs waren gewoon, alle kusten met hun +handelskantoren te overdekken. + +Het grootste aantal monumenten, dat ze er hebben nagelaten, bevindt +zich op de zuid- en de oostkust. Ik heb ze gezien aan zee te Marsa +Scirocco, te Krendi en op het eiland Gozzo. + +Al die resten van bouwwerken hebben in hun reusachtige afmetingen +geheel het karakter van de monumenten, die aan de Cyclopen worden +toegeschreven. + +Om kort te gaan, dit eiland Malta, geteisterd door den wind, +verbrand door de zon, treft nu nog de verbeelding van den reiziger, +nadat het een glorieuse rol in de geschiedenis heeft gespeeld. Niet +enkel getuigen de ruïnen van verleden grootheid, maar er zweeft om +het eiland een aureool door de dapperheid en offervaardigheid van de +edele Ridders, die de barre rots, verloren te midden der golven, tot +een wal hebben gemaakt voor de veiligheid van de christelijke volken. + +De tegenwoordige heerschers blijven er altijd vreemdelingen; hun +invloed is gering, omdat zij de ziel der Maltezers niet kunnen +winnen, die ziel, die trouw blijft aan het oude geloof en aan +haar vrome herinneringen. Nog onlangs heeft men daar een bewijs +van gekregen. De heer Chamberlain kondigde in een trotsche rede, +die hij tijdens een reis over Malta hield, aan, dat er maatregelen +zouden worden genomen, om het eiland sneller te verengelschen en de +engelsche taal als officiëele taal verplicht te stellen als gelijke +van de landstaal en met uitsluiting van het Italiaansch. + +Dat gaf groote ontroering op het eiland, en de hevigste protesten +werden vernomen. Toch werden de maatregelen genomen. De Wetgevende Raad +van de kolonie ging toen tot obstructie over, terwijl de bevolking al +duidelijker hare verontwaardiging toonde. Deze was van dien aard, dat +Engeland de besluiten omtrent de talen gedeeltelijk moest herroepen. + + + + + +In Oostenrijk.--Stiermarken. + +Naar het Fransch van Edme Vielliard. + + + +I. + + De Neumarktpas.--De Minnesänger.--Het Murdal.--Gratz en zijn + omstreken.--Geschiedenis van Stiermarken.--Stiermarken een + Slavonisch land.--De stiermarkensche bergbewoner. + + +Waarde medereizigers. Wij zullen Stiermarken binnengaan langs den weg, +dien in 1797 het roemvol fransch leger volgde, nadat het lauweren +geoogst had in den schitterenden italiaanschen veldtocht. Nadat +Bonaparte zonder resultaat aan aartshertog Karel den "philosofischen" +brief had geschreven, waarin hij den vrede aanbood op grond van +zachtmoedige en menschlievende overwegingen, nam hij het besluit, +dieper het bergland der Alpen binnen te dringen en den marsch naar +Weenen voort te zetten met zijn klein, uit Italië meegebracht leger, +dat nauwelijks 40.000 man telde. De stoutmoedige onderneming werd, +zooals bekend is, met succes bekroond, en na de bezetting van +den Neumarktpas en het verwoede gevecht van Unzmarkt werden de +vredespreliminairen te Leoben geteekend. + +Die Neumarktpas, een diepe insnijding in den hier slechts 890 meter +hoogen kam der Centraal-Alpen, die als een onderstreping zijn getrokken +ten zuiden van het langgerekte dal der Mur, is ten allen tijde een +der meest gezochte overgangen geweest, dien de veroveraars en ook de +kooplieden volgden. Langs die route zijn waarschijnlijk de Kimbren +in Italië binnengedrongen in het jaar 118 vóór onze jaartelling, +toen zij, als het ware, een voorspel leverden van de latere invallen +der barbaren, waardoor later een eind zou worden gemaakt aan de macht +van het romeinsche rijk. + +Daarover liep de romeinsche weg van Aquilegia naar Ovilava, dat nu +Wels is, en in de Middeleeuwen, voordat de handel onder Karel den +Zesde den weg van Triëst en Gratz insloeg was het de drukst gevolgde +weg tusschen Weenen en Venetië. De aanleg van de nieuwe spoorweglijn +van Venetië naar Weenen over Pontebba heeft aan dezen overgang zijn +oude belangrijkheid teruggegeven. + +Naar den kant van Karinthië werd de pas verdedigd door de vesting +Friesach, waar men nu nog op schilderachtige rotsen overblijfselen +van vroeger dreigende muren kan vinden. Meer vooraan in den naar +Stiermarken leidenden pas ligt het kasteel Dürrenstein, waarvan +niets dan een oude vierkante toren over is, reeds aan den overkant +der grens. Bosschen en weiden liggen op verschillende hoogten langs +den weg door de schilderachtige kloof en vormen er allerlei tinten van +groen, waar slechts enkele pannen daken andere kleuren tusschen leggen. + +Hier worden wij door het lachende, groene Stiermarken ontvangen, +bekleed met het vriendelijk plantenkleed, en wij houden er onzen +intocht te midden van een uitgezocht frisch landschap. Het is een +veel aangenamer streek, dan men aan de karinthische zijde vindt. Zelfs +de burchten, die de wegen bewaken, zien er gemoedelijk uit en hebben +alle pretensie afgelegd. + +Natuurlijk kon het niet missen, of zulk een liefelijke streek werd +gekozen als plaats van vestiging voor een van de vele kloosters, die de +Alpen als hebben gekolonizeerd, en inderdaad verrijst in een verborgen +dal in de omstreken het Sint Lambrechtsklooster, in 1103 gesticht +door hertog Hendrik van Karinthië, wiens land in de Middeleeuwen een +schitterend middelpunt van letterkunde en beschaving was. Achter het +spoorwegstation, dat uit de verte het klooster bedient, daalt de weg +in een diepe kloof, waardoor de lijn het dal der Mur bereikt. Dit dal +is het grootste der beide hoofdverkeersaderen van Boven Stiermarken; +de tweede, ermee evenwijdig, maar meer naar het Noorden gelegen, +is het dal der Enns. + +Men kan er nog kennis maken met oude gewoonten, en een der origineelste +is de _Austragung der Freiung_, een feest, dat in October te +Nieder-Wölz gevierd wordt. Er wordt dan aan een met bloemen versierden +stok in een plechtige processie een arm rondgeleid, met een zwaard +in de hand, symbool van rechtszekerheid; vóór den stoet uit gaan de +muzikanten, voorafgegaan door een straatveger. Na verschillende halten, +waarbij er in winkels en hotels hartsterkingen worden gebruikt, wordt +de Freiung op de hoofdmarkt opgesteld, terwijl er de wacht bij wordt +gehouden, want indien het iemand gelukte, het symbool door geweld of +list te stelen, zouden de dorpsrechten alleen door dat feit aan de +overweldigers ten deel vallen. + +De herinneringen aan de Middeleeuwen zijn in deze streken +overvloedig. Unzmarkt bezit de hoog gelegen ruïnen van den Frauenburg, +de oude woonplaats van den Minnesänger Ulrich von Lichtenstein. In +de Oostenrijksche Alpen hebben verscheiden dier ridderlijke dichters +geleefd of ze zijn er geboren, zooals met een der beroemdste het +geval was, namelijk met Walter von der Vogelweide, die niet enkel +de liefde heeft bezongen, maar zich ook heeft laten meesleepen door +de politieke hartstochten van zijn tijd; dan Oswald von Wolkenstein, +dien men den laatsten Minnesänger heeft genoemd, en nog anderen. + +Hij, die in Frankrijk het meest bekend is geworden, Tannhäuser was, +naar men meent, geboortig uit het hooge dal der Mur. Wat Ulrich +von Lichtenstein aangaat, die omstreeks 1275 gestorven moet zijn, +het naar hem genoemde slot, welks ruïnen wij hier vóór ons hebben, +draagt terecht den naam van den Damesburcht. Hij was een vurig +vereerder van de schoone sekse. Op zijn portret, waar hij te paard +is voorgesteld, en dat in een oud handschrift is bewaard, staat op +zijn helm een vrouwenbuste met een pijl in de hand. Zijn werk, dat +in een gelikten stijl is vervat, is vooral bekend door "De dienst der +vrouwen" en het "Damesboek". Doch hij is tevens bekend geworden door +zijn stoutmoedig paardrijden en hij mengde zich in de politiek. Van +hoogverraad beschuldigd, werd hij lang gevangen gehouden door koning +Ottokar van Boheme, die op Stiermarken aanspraken meende te kunnen +doen gelden en ten slotte zijn wenschen met succes bekroond zag. + +Leoben, de oude ijzerstad, waar de gesloten huizen van rijkdom +getuigen, en dat te midden van een bekoorlijk landschap ligt, roept +een minder ver verwijderd verleden in de herinnering terug. Daar +teekende in de Eggenwaldtuinen keizer Napoleon de vredespreliminaire +van Campo Formio. De voorbereidende besprekingen hadden plaats gehad +in het klooster van Göss, op een half uur afstands ten zuiden van +Leoben. Het was een klooster voor adellijke dames, gesticht in 1002; +de abdissen van het klooster zaten in den stiermarkschen landdag en +stemden mee van de bank der prelaten. + +Het landschap, dat, het moet erkend, tot hier geen grootsch karakter +had bezeten, wordt indrukwekkend, als men nader bij Bruck komt. Bruck +aan de Mur heeft een krijgshaftig voorkomen met de rots, waarboven de +hier en daar doorschoten muren van de vesting Landskron uitsteken. Het +is de sleutel tot Midden-Stiermarken, en het fort werd op het eind +der dertiende eeuw met succes verdedigd tegen de Salzburgers en de +Beierschen, die door den oproerigen adel te hulp geroepen waren tegen +hertog Albert den Eerste. Ook was de plaats in de Middeleeuwen een +belangrijke handelsstad op den weg van Weenen naar Venetië, en de +bouwtrant van een der huizen, waaraan een venetiaansche loggia is +aangebracht, toont duidelijk den artistieken invloed van de stad +der lagunen. + +Te Bruck overleed in 1424 hertog Ernst der Eiserne, de ijzeren hertog, +wiens tweede vrouw Cimburge, dochter van den vorst van Masovië (een +deel van het tegenwoordige Polen), niet minder van ijzer was dan haar +man. Zij kon een hoefijzer met haar blanke handen in tweeën breken, +en door een duw met haar schouder een zwaar beladen wagen in beweging +brengen. Zulk een sterke vrouw was waard, de stammoeder te worden van +den tak der Habsburgers, die opnieuw in de handen van haar kleinzoon +Maximiliaan de verspreide bezittingen van het geslacht vereenigde, +en tevens tot achterkleinzoon te hebben dien Filips den Schoone, +over wiens reusachtig rijk de zon nooit onderging. + +Te Bruck wendt zich de Mur, die, van het Zuidwesten naar het +Noordoosten stroomend, een aan de Alpen evenwijdige richting volgde, +plotseling naar het Zuiden en gaat door een smalle kloof, aan +welker uiteinde zich opeens een wijde vlakte voordoet, de "baai" van +Gratz. Dat ruime landestuarium breidt aan den rand van het bergland +zijn bekoorlijk groen tapijt uit, waarop aardige, witte gebouwen +afwisseling brengen en de voorsteden van een stad van beteekenis +laten vermoeden. + +Gratz is de voornaamste stad op de zuidhelling der Alpen in Oostenrijk; +ook is het de laatste uitlooper van het germaansche element in deze +streken. Naast deze plaats slaan al hoog de golven van de zee der +slavische stammen, die in Karinthië en Krain de meerderheid vormen en +die oudtijds zich verspreidden tot op den drempel van Toblach in het +Pusterthal, zooals uit de namen van allerlei plaatsen blijkt. Ten tijde +van de kolonizeering der Alpen door de Beierschen is het terugdringen +van die stammen begonnen en de slavische bevolking heeft eerst weer +stand gehouden even vóór Gratz, welke stad uit het Slavisch den naam +van haar vesting, Grad, heeft behouden. Toen de stad heroverd was, nam +ze den naam van Bairisch-Gratz aan in tegenstelling van Windisch-Gratz, +dat is Slavisch-Gratz, een stadje dicht bij de Drave. + +De met bosschen bedekte heuvel bij die vesting, die als een eiland +uit de vlakte verrijst, en zich wel honderd meter boven de stad +verheft, is een sprekend uithangbord voor de stad. Hij zag er vrijwat +indrukwekkender uit, toen hij nog de torens en bastions droeg, waar +oude gravures de glorie van hebben bewaard en die door de Franschen +in 1809 zijn geslecht. De kanonnen, die in de open lucht dicht bij het +restaurant hun lange monden rekken, en die wij te zien krijgen, nadat +de kabelspoorweg ons boven heeft gebracht, hebben alleen vreedzame +bedoelingen, en de schitterende officier, die zijn paard mooie +kunstjes laat verrichten in de buurt, geeft slechts bevelen voor de +salvo's van den volgenden dag, den verjaardag van den keizer. Op den +feestavond vooraf zagen wij door het donkere dal een fakkeloptocht +langzaam retireeren, en terwijl de lichtende punten weken, klonk de +verzwakte nagalm der muziek tot ons op. + +Toch heeft de Schlossberg nog wel iets karakteristieks, als men +er van het voornaamste plein naar opziet, en dat wel dank zij den +klokketoren met de reuzenwijzerplaat, het spitse dak met een houten +galerij eromheen en de overblijfselen van de bastions, waar nu +bloemperken zijn aangelegd. Op den top staat nog een ander monument, +dat aan de stelselmatige verwoesting is ontkomen, ook een toren +in renaissancestijl, door de inwoners teruggekocht na de algemeene +vernieling. De hellingen van den berg, die voorheen terugstootend +waren, zijn thans met groen bekleed door het initiatief van baron +Welden, en de idylle is nu heerscheres op het pantser van het +ontwapende monster. + +Er zingen heele koloniën van vogels, naar het heet wel 26 soorten, +die door de goede zorgen van den Bund der Vogelfreunde getracteerd +worden op maaltijden van lekkere zaden, voorgediend in kleine houten +huisjes, een soort van open kooien, die hier en daar op palen zijn +neergezet. Dichterfiguren lachen u uit de boschjes tegen, een buste van +Schiller bijvoorbeeld, van Anastasius Grün of wel graaf Auersperg, +en Rosegger's heldin de Woudlelie leidt er onder het groen haar +lievelingshinde. + +Een klein terras ten zuidoosten van den Schlossberg vertoont rondom een +onregelmatig pleintje drie der oudste gebouwen van Gratz, den Burcht, +den Dom en de oude Universiteit, gezag, godsdienst en wetenschap. Er +is niets overgebleven van de gebouwen die tot den vroegeren burcht +behoorden en dagteekenen uit het eind der elfde eeuw, toen de +markgraven van Traungau het slot bouwden. Zij waren de grondleggers +van de eerste eigenlijke stiermarksche dynastie. Dit gedeelte van het +romeinsche Noricum, dat na den val van het romeinsche rijk een tijd +lang een slavisch koninkrijk was, werd een mark of grensprovincie +van het rijk van Karel den Groote, toen deze de Avaren had onderworpen. + +Karinthië, de mark der Karantanen, een slavischen stam, had ten doel, +Germanië te beschermen tegen invallen der Magyaren, die door keizer +Otto den Eerste afdoend teruggeslagen werden in den slag aan de Lech +in 955. Wat later verschenen de markgraven van Traungau, die aan het +land den naam van Stiermarken gaven, Steiermark, naar de stad Steir +of Steyer in Boven-Oostenrijk, waar zij de heeren van waren. Frederik +Barbarossa verhief Stiermarken tot den rang van hertogdom; maar toen +het huis Traungau uitgestorven was, werd Stiermarken bij Oostenrijk +ingelijfd als de Ostmark, later Oostenrijk onder de dynastie van +Babenberg, en zoo ontstond in de moedervloeistof der historie de +eerste kern van die kristallisatie, die de oostenrijksche monarchie +zou opleveren. Die kristallisatie zou nog heel wat troebelingen +moeten doormaken. + +Het huis Babenberg stierf op zijn beurt uit, en toen volgde de tijd +van het groote interregnum. Hongaren en Bohemers betwistten elkander +Stiermarken. De koning van Boheme droeg de zege weg in den slag van +Kessenbrunn in 1260, en men zag er de banier van Stiermarken wapperen, +"groen als de kleur des velds, waar als levend een witte panther op +voortijlt". De heerschappij der Tsjechen breidde zich toen uit van +Boheme tot de Adriatische Zee. + +Op dat oogenblik viel de beslissing, welke der drie rassen +in Midden-Europa het overheerschende zou zijn, het slavische, +het duitsche of het magyaarsche. Rudolf van Habsburg besliste de +quaestie ten voordeele van de Duitschers, toen hij koning Ottokar +in 1278 bij Bürrenkraut versloeg. De slavische macht stort ineen, +en de overwinnaar gaf Oostenrijk aan zijn zoon Albert, die hem +opvolgde. Zij waren daarna gedurende meer dan een eeuw van den +keizerstroon uitgesloten, maar hun afstammelingen herwonnen dien weer +in 1438, om er bijna niet weer van te worden verdreven. Gratz werd een +keizerlijke hoofdstad onder Frederik III (Frederik V van Stiermarken), +die in 1608 er geboren was; hij was de laatste keizer, die zich te +Rome liet kronen, de meester en beschermer van Aeneas Sylvius, die +Paus werd onder den naam van Pius II. + +Het slot heeft uit dien ver verleden tijd niets anders overgehouden +dan een wenteltrap van 1500; van de restauratie, door Maximiliaan I +begonnen en eerst na zijn dood voltooid, in 1523, is niets over dan een +bronzen gedenkplaat. De afbraak in 1854 van een vleugel, aan Frederik + III toegeschreven, die met instorting dreigde, heeft een monumentale +trap doen verdwijnen, in 1570 door een italiaanschen architect +gebouwd, zoodat het slot, waar nu kantoren van de administratie +zijn gevestigd, geen andere belangrijkheid aanbiedt, dan dat het de +herinneringen oproept, die wij juist hebben gememoreerd, en die wij +willen besluiten door de toevoeging, dat Stiermarken zijn autonome +regeering verloor onder Jozef den Tweede, die den hertogshoed naar +Weenen liet overbrengen. Die hoed was toen allang niet anders dan +een embleem, en de Staten waren het laatst in 1728 samengekomen. + +De oude, in 1586 gestichte universiteit, die eertijds onder het +bestuur der Jezuïeten stond, is onlangs verlaten geworden, en men +heeft de inrichting naar moderner gebouwen overgebracht, die in een +andere wijk der stad opgericht waren. + +Het uitwendige van den Dom, die onder Frederik den Derde gebouwd is, +heeft niets aantrekkelijks. Een oude frescoschildering, die veel +geleden heeft onder de ongunst van het weder en boven een der poorten +is aangebracht, verhoogt volstrekt niet het vroolijk aanzien van het +gebouw, want zij schildert de plagen, die in 1480 de stad teisterden, +zooals de pest, de turksche horden, de sprinkhanen en dergelijke. Het +inwendige van het gebouw, dat gewit is, en alleen wat afwisseling +vertoont doordat er om de pilaren een nabootsing van tapijten is +aangebracht, is streng gehouden, en alleen de gekruiste balken van +de zoldering geven een idee van sierlijkheid. Op dit eenvoudige +gothische bouwwerk heeft men aanhangsels in rococo-stijl geplakt, +en zoo zijn de preekstoel, de gangen en het altaar toonbeelden van +wansmaak geworden als voor een kermistheater. + +De mooie ijzeren hekken van de kapellen zijn veel beter; dat ijzerwerk +is een succes van de echte stiermarksche kunst. Aan elken kant van +het koor, dat smaller is dan het schip der kerk, volgens een in die +streken veel gevolgde gewoonte, staan twee groote reliekenkasten van +Italiaansch maaksel, die allegorieën voorstellen uit de "Trionfi" +van Petrarca, van ivoor gemaakt op ebbenhouten grond. Behalve op +het groote altaar, dat beschilderd is door Ignatius Flurer, is +het inlandsche schilderwerk alleen door italiaansche kunstenaars +behoorlijk vertegenwoordigd. Zij werden op het eind der zestiende +eeuw in het land geroepen door aartshertog Karel den Tweede en later +door diens weduwe, om bij gebrek aan inlandsche kunstenaars de kerk te +versieren. Het waren Giulio Licinio, leerling en neef van Pordenone, +en Peter de Pomis, waarschijnlijk een leerling van Tintoretto. + +Indien de barokstijl zich ertoe heeft bepaald, op de strenge lijnen +van den gothischen dom wat versieringen aan te brengen, hij heeft +zich vrij kunnen laten gaan in het naburige monument, dat den naam +draagt van het Mausoleum. Dit is een werk van Peter de Pomis, dien +we als schilder hebben genoemd, maar die, zooals veel kunstenaars +uit dien tijd, ook bouwmeester was en zelfs militair ingenieur. Het +Mausoleum is een klein gebouw in den vorm van een latijnsch kruis, +met koperen koepels erop; de jonische gevel, die aardig versierd is, +vertoont goede proporties, maar die schuil gaan onder een verwarrende +menigte driehoekige en ronde frontons. Het inwendige, waar men fijn +stucwerk kan bewonderen, bevat in een onderaardsche kapel het graf +van keizer Ferdinand den Tweede van Stiermarken, den leerling van +de Jezuïeten van Ingolstadt, die in de geschiedenis van zijn land +bekend is, omdat hij er radikaal de hervorming uit heeft verdreven, +wat hem echter niet zeer moeilijk viel, daar de overtuiging van zijn +landgenooten niet bijzonder vast was. + +Van het Franzensplein, door historische gebouwen omgeven, komt men +door hellende, kronkelende straten, waar nog eenige houten huizen +zijn te vinden van den stiermarkschen adel met in italiaanschen +stijl gebeeldhouwde portieken, op het hoofdplein, waar men den +karakteristieksten indruk van de stad krijgt door de vele oude huizen, +die beschilderd zijn of versierd met arabesken in gips. Daarop +ziet uit de hoogte de steile rots van den Schlossberg neer, waar +de lijnen van de nog gespaarde bastions verdwijnen onder het groen +bij den origineelen klokketoren, dien wij reeds als een kenmerkende +aanwijzing van Gratz hebben genoemd. + +Midden op dit plein staat het monument voor aartshertog Johan, die in +1859 overleden is, den zoon van keizer Leopold den Tweede. Hij had +zich in het land gevestigd en riep er allerlei wetenschappelijke, +economische en weldadige instellingen in het leven. Daarbij was hij +een hartstochtelijk liefhebber van muziek en litteratuur, hield de +oude nationale gebruiken in eere en leeft in de herinnering van de +Stiermarkers voort als een nationale held, omgeven door een aureool, +die aan de legende schijnt ontleend. + +In een der liederen heet het: "Zie daar staat hij op een steile rots +in stiermarksch costuum, daar staat aartshertog Johan nog altijd; +ze zeggen, dat hij gestorven is, o God; maar voor ons, Stiermarkers +leeft hij nog, zal hij altijd leven." + +Hij staat hier op de markt een weinig pompeus, gedrapeerd in den +mantel met lange plooien, op het hooge voetstuk, omgeven door de +beelden die de vier rivieren voorstellen, de Mur, de Enns, de Save +en de Drave, van waar hij neerziet op de groote regenschermen der +kooplieden van fruit en groenten, met wie hij vroeger vertrouwelijk +een praatje hield. Hoeveel gemoedelijker is zijn houding als peinzend +Alpenjager op de schilderij van P. Krafft, die door Höffel's gravure +in het geheele land zoo verspreid is geworden. + +Een groot modern raadhuis, vol regelmaat en ernst, in den stijl der +duitsche Renaissance sluit het plein af aan den hoek van de grootste, +drukste straat in Gratz, de Heerenstraat, waar de deftige paleizen in +den trant der voorname woningen aan den Ring te Weenen, meer en meer +de overhand krijgen. De Groote Kerk staat aan het einde der straat +met haar veel te drukke versieringen, die haar op een nogataart +doen gelijken, vooral door den klokketoren, maar tevens vindt men +in de Heerenstraat het interessantste huis van Gratz, het Landhaus, +het gebouw der provinciale regeering. + +De eenvoudige, slechts in bescheiden mate versierde gevel doet denken +aan de strenge paleizen der Renaissance, met hun groote vakken, +door weinige gepaarde openingen afgebroken. Al het effect wordt +bereikt door de groote lijnen en door den indruk van kracht, dien de +gewilde bescheidenheid maakt. De achterzijde, die aan de Schmiedgasse +grenst, werd in 1531 voltooid en vertoont in de behandeling der +klassieke vormen sporen van duitsch werk; maar de hoofdgevel aan +de Herrengasse, in 1558 door Domenico de Lalio begonnen, toont +met de grootste duidelijkheid, dat de kunstenaar te Venetië heeft +gestudeerd. Het hoofdportaal, waarboven men een loggia ziet, gevormd +door de groepeering van tegenoverliggende vensters, door een klein +zuiltje gescheiden, is blijkbaar een herinnering aan het Canal Grande. + +Vóór wij er binnentreden, zullen wij onze wapens in de vestiaire +moeten afgeven, zelfs ons broodmes, want een plakkaat van 1588 +bedreigt diegenen met de doodstraf, die gewapend in het Landhaus +zullen binnengaan, en er rumoer of herrie maken. De binnenpleinen met +booggalerijen zijn zeer interessant, klassiek, maar ietwat theatraal +met hun dorische galerijen, rustend op pilaren met obelisken; dat alles +doet aan decoraties denken; de bouwmeester heeft stellig aan die op +linnen geschilderde werken gedacht, die de italiaansche kunstenaars +deden verrijzen op feesten ter eere van hun Maecenen. + +In een hoek bespeuren wij echter iets meer origineels. Dat is de +overdekking van een put, een soort van bronzen zomerhuisje, als die +woorden, waarvan het eene aan lichtheid en het andere aan kracht doet +denken, te zamen genoemd mogen worden. Hier voorzeker gaan ze samen, +zoo gewillig heeft het brons zich geschikt naar alle luimen van den +kunstenaar, zoo fijn en teer zijn de verbingen en de spijltjes van +het opengewerkte koepeltje, waar de liefdegodjes op dolfijnen spelen +in de krullen van het lofwerk, zoo dun zijn de zuiltjes, door satyrs +gedragen, waarop éénarmige nimfjes balanceeren. + +Dit merkwaardige stuk werd in 1590 uitgevoerd door de burgers van +Gratz, Thomas Auer en Max Wening, en doet de inlandsche kunst alle eer +aan. Terecht laat een geharnast ruiter de panthervlag van Stiermarken +boven zijn hoofd vrij uit waaien. Op den muur naast den put herinnert +een gedenkplaat eraan, dat de groote sterrenkundige Kepler te Gratz +verblijf hield van 1594 tot 1606. Hij was uit Tübingen erheen geroepen, +om wiskunde te onderwijzen, trouwde in het land, maar moest, daar +hij de leer der Hervormden was toegedaan en men dien godsdienst in +Stiermarken niet gunstig gezind was, het land verlaten, dat hem als +een nieuw vaderland lief was geworden. + +Aan het Landhaus grenst een smal zeer typisch gebouw, het Arsenaal +of Tuighuis. Het is van 1642 tot 1644 gebouwd door Adam Wundegger en +heeft een belangwekkenden hoofdingang, geflankeerd door twee nissen, +waar de eenigszins gemaniëreerde beelden van Mars en Bellone staan in +decoratieve houdingen, die van den italiaanschen invloed getuigen. Wat +van het arsenaal in Gratz iets eenigs maakt in zijn soort is, dat het +geen museum is, geen kunstmatige opeenhooping van ongelijksoortige +voorwerpen, onttrokken aan hun natuurlijke omgeving, maar dat het +'t wapenmagazijn der stad is, juist zooals het op het eind der +zestiende eeuw in gebruik was, toen de Staten er de noodige wapens +bijeenbrachten, die benoodigd waren voor het contingent, dat zij in +den strijd tegen de Turken hadden op te brengen. Er zijn daar meer +dan 28.000 voorname nommers, methodisch gerangschikt in lange zalen. + +Hoewel het hoogst interessant is, zoo de merkwaardigheden op hun eigen +plaats te zien, toch moet men niet verzuimen, het museum een bezoek +te brengen, namelijk het Johanneum, zoo genoemd ter herinnering aan +aartshertog Johan, en gehuisvest in een elegant gebouw, dat in 1895 +werd ingewijd. De belangrijkheid van dit museum is vooral gelegen +in zijn verzamelingen van cultuurhistorischen aard en in wat het aan +voortbrengselen van kunstnijverheid bezit. + +Men vindt er kamers met prachtige lambrizeeringen, als in de eerezaal +van het kasteel Radmannsdorf in Weiz, van 1564; of bescheidenlijk +gestoffeerd, als dat boereninterieur, waarvan de groote kachel met +een bank eromheen het hoofdmeubel is en dat 's avonds alleen verlicht +wordt door een brandend stuk hout aan een ijzeren staaf gebonden; +of gemaniëreerd, als het rococosalon met japansch schilderwerk +op de paneelen. Verder zijn er reuzenkachels van porselein; fijne +clavecimbalen, die de voorloopers onzer piano's waren; allerlei ander +huisraad van onze vernuftige voorvaderen, zooals bij voorbeeld dat +braadspit, dat bewogen wordt door den rook uit den schoorsteen. En +dan historische merkwaardigheden, als de koets van keizer Frederik +den Derde, een lange karos met gotische bogen, gebeeldhouwd, verguld +en beschilderd; merkwaardige voorwerpen van goud en zilver, zooals +een vrouwehaarvlecht van zilver, afkomstig uit de veertiende eeuw, +die als zwaarwichtige herinnering door den weduwnaar om den hals +werd gedragen; de beker van den Landschadenbund, een meesterstuk +van augsburgsche goudsmeedkunst uit het einde der zestiende eeuw; de +zegelpers van de Landhausvergadering met den panther van Stiermarken +erop en versierd met geëmailleerde schilden en fijn filigraanwerk. + +De heuvels en bergen rondom Gratz, die het dal der Mur omsluiten, +vormen een aantrekkelijk kader voor de mooie stad. De Franschman, +altijd galant, heeft haar eens genoemd, la ville des Grâces a la +rivière de l'Amour. Rondom de vlakte van het Gratzer Feld, die in het +Noorden afgesloten wordt door de hooge Alpenketenen, licht een dichte +opeenhooping van heuvels en dalen, vol schilderachtige hoekjes tusschen +weiden en bosschen, die als een mantel de hellingen bedekken, bezaaid +met witte kerkjes, pelgrimsoorden, als Maria Trost en Maria Grün. Het +zijn ook alle geschikte plaatsen voor uitstapjes, een aantrekkelijkheid +dus voor de vele burgerlijke en militaire gepensionneerden van de +Oostenrijksch-Hongaarsche monarchie, die deze stad bewonen en haar +den schertsenden naam Pensionopolis hebben bezorgd. + +Onder de vele kasteelen, die om Gratz verspreid zijn, is het +belangrijkste het slot Eggenberg, met de stad verbonden door een +prachtige kastanjelaan. Het is een zwaar bouwwerk uit de zeventiende +eeuw, met roode daken en een menigte vensters, juist zooveel, heet +het, als het jaar dagen heeft. De groene luiken dier vensters steken +scherp af tegen de gele pleisterkalk. De familie van Eggenberg, een +der oudste van Stiermarken, maar die thans is uitgestorven nadat +zij uit in den adelstand verheven kooplieden der vijftiende eeuw +was ontstaan, heeft aan Oostenrijk een heele reeks staatslieden en +veldheeren geleverd. De bekendste is Ruprecht von Eggenberg, die +in 1503 den bloedigen slag bij Sissek won op de Turken, toen dezen +viermaal talrijker waren dan hun tegenstanders, terwijl de veldheer +van Oostenrijk hen tot den laatsten man in de Kulpa dreef. Toen +de Franschen Gratz in 1809 belegerden, vestigde Macdonald zijn +hoofdkwartier op het slot Eggenberg. + +Boven Gratz loopt de Mur nog eenigen tijd in Stiermarken door een +breed dal tusschen met wijnbergen begroeide heuvels. Dichtbij het +punt, waar zij Hongarije bereikt, verheft zich boven op een hooge, +steile bazaltrots het kasteel Riegersburg, een wonderlijk complex +van bastions, binnenpleinen en geheime poorten, alles bedoeld +als verdediging tegen Turken en Hongaren. Het gebouw kreeg zijn +uitgebreidheid pas in de zestiende eeuw tijdens het beheer van een +vrouw, die een merkwaardigen zin voor bouwen had. + +Dat gedeelte van Stiermarken, dat ten zuiden van het Murdal is gelegen, +omvat hoeken van de dalen der Drave en der Save, welke laatste het +van Krain scheidt. Daar de groote inhammen van de hongaarsche vlakte +er diep in doordringen, is het, zoowel uit natuurkundig oogpunt als +wat de bevolking aangaat, zeer verschillend van Boven-Stiermarken, +waaraan het alleen door het toeval der staatkundige grensregelingen +is verbonden en dat duitsch, niet, zooals het Zuiden, slavonisch is. + +Marburg, waar admiraal Tegetthof, de held van Lissa geboren werd, +is er feitelijk de voornaamste stad van; maar Cilli is het centrum +van de slavonische politieke verlangens. Die stad, waar, toen zij nog +Celeja heette, de proconsuls Pertinax, Septimius Severus, Valerianus +en Aurelianus resideerden, voor ze keizers werden, heeft nog andere +dan romeinsche herinneringen. + +De macht der graven van Cilli groeide in de veertiende eeuw snel aan +en ging echter spoedig te niet in de vijftiende. Herman de Eerste +huwde de dochter van den koning van Bosnië; zijn neef Wilhelm trouwde +met de dochter van den koning van Polen, Casimir den Groote, en zijn +dochter besteeg den troon van Polen als echtgenoot van den eersten der +Jagellonen, Wladislaw. Diens zoon, Herman de Tweede, was de gunsteling +van den hongaarschen koning Sigismund, in 1410 tot koning gekozen, die +met zijn dochter Barbara trouwde en haar met voorrechten overlaadde. + +Maar daarna neemt de geschiedenis een tragische wending. De oudste zoon +van Herman den Tweede, Frederik, doodde zijn vrouw, om een adellijke +jonkvrouw uit Kroatië, Veronica, te trouwen. Zijn vader liet hem in +de gevangenis werpen en was voornemens hem te onterven. Intusschen +stierf zijn tweede zoon door een val van zijn paard, en daar de +koning van Bosnië hem zijn kroon had nagelaten, moest hij zich met +zijn oudsten zoon verzoenen. Maar eerst wilde hij zich van Veronica +ontdoen. De jonge vrouw ontvluchtte en leidde in de bosschen een +zwervend leven. Men maakte zich van haar meester en trachtte haar +als toovenares veroordeeld te krijgen onder beschuldiging, dat +zij den graaf behekst had. Toen de rechters geen bewijzen tegen +haar in handen konden krijgen, liet graaf Herman haar in het bad +verdrinken. Nadat dit bezwaar uit den weg was geruimd, verzoende hij +zich met zijn zoon Frederik, die bij zijn dood door keizer Sigismund +tot den rang van rijksvorst werd verheven. De zoon van Frederik, +Ulrich de Tweede, die ertoe had bijgedragen, dat de jonge Ladislas +tot koning van Hongarije was verkozen, een zoon van keizer Albert den +Tweede, zette het kind geheel naar zijn hand en nam de eerste plaats +in het rijk in. Hij werd te Belgrado vermoord door een zoon van zijn +doodsvijand, Johan Hunyados. De heraut riep op zijn graf driemaal uit: +"Vandaag nog graaf van Cilli en voortaan nooit meer!" Hij brak het +schild met het wapen, en het huis Cilli had opgehouden te bestaan. + +Laat ons op onze schreden terugkeeren en naar Boven-Stiermarken +gaan, waar we minder historische herinneringen zullen aantreffen, +maar een schilderachtiger natuur, ook grootscher landschappen, en +waar we ons in het echte hart van Stiermarken bevinden. Wij hebben +bij Bruck het dal verlaten, waarin tot nu toe de Mur vloeide, om +met de rivier ons te begeven naar de kloven, leidend naar Midden- +en Beneden-Stiermarken. Daarna komen wij in dat dal terug, als we de +oevers van de Mürz volgen, die er dan door stroomt. + +Het landschap vervult nog niet de gedane beloften. Het dal is +breed, bebouwd, omgeven door middelmatig hooge bergen en wordt door +talrijke dalen, die een eentonige reeks beboschte driehoeken vormen +op de hellingen, doorsneden. Men krijgt nog geen vermoeden van de +schoonheden van het hooge bergland, want om die te vinden, moest men +de dalen aan den linkerkant hoogerop volgen. + +De streek, waar wij nu zijn, is rijk aan legenden. Daar ligt op een +bergtop het pelgrimsoord Rehkogel, waar een herder in het bosch geiten +geknield vond liggen voor een beeld van de Moeder Gods. Te Krieglach +dreef er eens een kruikje met het portret van den H. Jacobus op het +meer, dat toen nog het dal vulde, en op de plek, waar het kruikje +aan land spoelde, werd een kapel gebouwd. In een naburigen berg +hoort men steeds een kindje schreien, dat door de moeder verlaten +werd. Deze had in een grot hoopen goud en kostbare steenen gevonden, +waardoor ze haar kind vergat en de plaats niet kon terugvinden, waar +ze het gelaten had. Ginds is een rots, genaamd de Teufelstein, basis +van een toren, dien de duivel eens wilde bouwen in den Kerstnacht en +die tot den hemel reiken zou, een onderneming, die jammerlijk mislukte. + +Hier in de buurt zijn ook nog overblijfselen te vinden van +versterkingen tegen de Turken. De Fischbacher Alpen zijn inderdaad +de kam van het naar Hongarije afdalende bergland; de Raab en zijn +zijtakken dalen ervan af naar de vlakte. Men vond er vroeger een +reeks kasteelen en "tabors". Men noemde tabor een kring van huizen +rondom een kerk, en ingesloten door een muur met schietgaten en door +een gracht. De bevolking zocht daarbinnen een schuilplaats, als de +ottomaansche benden aanrukten. + +In dit land van de Raab verrijst ook het oude klooster Vorau, gesticht +in 1163, waarop de aandacht der paleografen is gevestigd door de +vondst van de Keizerkroniek, een rijmkroniek uit de twaalfde eeuw, +en waar men nog veel andere documenten vindt, die van waarde zijn +voor de geschiedenis van het land. + +Dichtbij Krieglach staat de Kluppeneggerhof, waar Rosegger in 1843 +geboren werd, de nationale stiermarksche dichter en schrijver, +die met fijne opmerkingsgave den bergbewoner van zijn land heeft +geschilderd en daardoor gelegenheid heeft gevonden voor het teekenen +van zooveel aardige, typische tooneeltjes, vol karakteristieke trekjes, +nog interessanter gemaakt door het dialect, waardoor hij een der +origineelste schrijvers van Oostenrijk is geworden. Dat dialect is door +hem tot den rang van schrijftaal gerezen en er verschijnt daarin sedert +1876 ook een maandblad "Der Heimgarten", waarvan Rosegger redacteur is. + +Stiermarken is door aartshertog Johan, die het land goed kende, +genoemd het land van hartelijkheid en gemoedelijkheid. Het is ook +een land van dans en vroolijkheid, waar de paren zwieren bij de +muziek van het "Hackbrett" een snaarinstrument, dat met twee hamers +bespeeld wordt, en de stiermarksche volksdans heeft ver de grenzen +van zijn vaderland overschreden en is in de internationale opera's te +huis. De dans voert den zang in zijn gevolg, en Rosegger heeft eens +aldus de prijzen uitgereikt aan de landen der Oostenrijksche Alpen: +Stiermarken gaat voorop met de dichtkunst, dan volgt Karinthië met +muziek en daarna Tirol met beeldende kunst. Het bergland trilt van de +liedjes van de Alm, die houthakker, jager en strooper zingen en die +tot tal van nabootsingen hebben aanleiding gegeven, zoodat Rosegger, +die het beroemdst is geworden, niet alleen staat. + +Maar zullen die originaliteit en die eenvoudige gevoelens lang bestand +zijn tegen de invasie van toeristen en Zondagsgasten? + +Hoewel wij nog 130 kilometer van Weenen verwijderd zijn, begint de +groote stad toch al haar makers van uitstapjes hierheen te zenden, +en tal van treinen brengen massa's toeristen naar Mürzzuschlag. Des +winters is het een centrum voor de skisport, die er zachte, bijzonder +geschikte hellingen vindt, en jaarlijks hebben er wedstrijden plaats, +internationale zelfs, die een aantal mededingers lokken, tot zelfs +uit Noorwegen. + +Te Mürzzuschlag verlaten wij de Mur, maar volgen toch nog steeds de +inzinking in het bergland, die we bij het begin der reis gekozen +hebben. Nu vloeit er de heldere beek, de Fröschnitz, door een +landschap, dat met weiden en bosschen een echt Alpenkarakter heeft. De +bedoelde kloof loopt stijgend voort tot aan den Semmering, waar het +bergland zich verbrokkelt in Beneden Oostenrijk, maar men kan haar +dan nog volgen door het dal der Leitha. De Alpen zijn er ten einde, +want zij zenden slechts een zeer onbeduidend takje als Wienerwald +tot aan de poorten der hoofdstad en de oevers der Donau. + +De Semmering, die zooals wij zeiden tot het gebied van Weenen behoort, +is te cosmopolitisch geworden, dan dat wij er ons lang behoeven op +te houden, en als wij dan ook op onze schreden terugkeeren, vinden +we in het bovendal der Mürz een echt stiermarksche streek met het +dorp Neuberg, welks huizen gedrukt worden door de aanwezigheid van +een hooge kerk zonder toren, oprijzend uit een groep gebouwen van +kloosterachtig aanzien. + +Dat is inderdaad een Cistercienser klooster, gesticht in 1327 door +Otto den Vroolijke, wiens naam een droevige tegenstelling vormt met +het treurig lot van zijn broeder Frederik den Schoone, hertog van +Stiermarken. Deze was eerst voor de keizerlijke waardigheid bestemd, +maar hij werd verslagen en gevangen genomen bij Mühldorf door zijn +mededinger Lodewijk van Beieren. Ten gevolge van dien tegenslag werden +zijn haren plotseling grijs, zegt de kroniek, en zijn vrouw werd +blind van het vele schreien. Het klooster werd in 1783 geseculariseerd +door Jozef den Tweeden, en de binnenpleinen, die openbare doorgangen +zijn geworden, zoowel als de groote gewitte gangen, waarop de deuren +uitkomen van woningen en kantoren, zien er verwaarloosd uit als dingen, +die niet meer voor hun ware bestemming worden gebruikt. + +Die indruk van verwaarloozing blijft iemand ook bij onder de hooge +gewelven van de kerk, die tegen het einde van de vijftiende eeuw +voltooid werd onder keizer Frederik den Derde. Alles is er vervallen +en koud en vochtig. De proporties zijn mooi, en aan de onderdeelen +is indertijd veel zorg besteed. In stoffige hoeken ziet men resten +van oude pracht, bij voorbeeld een prachtig gothisch doopvont, een +merkwaardigen stoel met troonhemel, de portretten van de stichters +der kerk, maar alles dooreen en ongeordend in het ruime schip der +kerk zonder koor of zijbeuken. + + + +II. + + Jacht in Stiermarken.--De bedevaart van Maria Zell.--De + Hochschwab.--Metalen in Stiermarken.--IJzererts.--Het + Gesäuse.--De Admont-abdij. + + +Wij zullen nu een der wegen volgen van de bedevaartgangers van Maria +Zell en in dat deel van Stiermarken, waar nog geen spoorwegen zijn, +een bezoek brengen aan het beroemde heiligdom. Wij willen intusschen +niet zoo trouw de pelgrims volgen, dat we te voet gaan, als die +lange slierten bergbewoners op bloote voeten, die, naar het heet, +soms als penitentie erwten of stukjes glas in de schoenen hebben +en een zwaren zak op den rug of op het hoofd, en die wij langs den +geheelen weg zullen zien, onder het zingen van liederen langzaam hun +doel naderend, zonder zich om het weder te bekommeren, terwijl ze aan +de twijfelzieke moderne wereld den roerenden en troostenden aanblik +van het geloof aanbieden. + +Wij hebben meer haast dan die pelgrims, en het stortregent. Dus huren +we een stevige stiermarksche kales, en daar gaat het voort op den weg +naar Mürzsteg. Een gedenkplaat op de rots van den Calvariënberg roept +ons den populairen aartshertog Johan in de herinnering. De rook van +de hoogovens van Neuberg is niet te onderscheiden achter het gordijn +van regen, en wij rijden snel het Stiermarken der jagers binnen. Te +Mürzsteg ontmoet men een keizerlijk jachtslot met in den gevel +den verplichten hertekop. De herbergen, zelfs de meest bescheidene, +hebben dat teeken, en als men in de "mooie" kamer komt, vindt men die +onveranderlijk versierd met jachttrofeeën, welke gegroepeerd zijn +om het portret van aartshertog Johan. Te Krampen reden we over een +met moeite aangelegden weg, die naar een zeer hoog gelegen jachtslot +voerde te midden der ondoordringbare bosschen van Nassköhr. Herten, +gemzen, korhoenders hebben een veilige schuilplaats gevonden in die +van de wereld verafgelegen kloven, en het jachtgebied of Revier van +Mürzsteg is overrijk aan groot en klein wild. + +Stiermarken is het echte land der groote jachtpartijen. De eigenaars +der terreinen zenden heinde en ver uitnoodigingen voor de gemzen- +en de hertenjacht. Zij vragen de ambtenaren, den predikant, den +schoolmeester en de welgestelde boeren. De overige bewoners der streek +doen als drijvers dienst, en zoo begrijpt men, dat de liefde voor +de jacht den Stiermarker in het bloed zit en dat de volksliederen +er vol zijn van den gemzenjager, die opklimt naar den Gemsberg. De +aanzienlijken geven het voorbeeld, en de keizer zelf verzuimt nooit +zijn jaarlijksch bezoek aan Stiermarken voor de jacht. + +Het regent nog steeds, en de Hohe Veitsch verbergt zich in den nevel, +waardoor wij alleen het naastbijzijnde zien. Het Scheiterbodendal, +dat wij nu volgen, wordt smaller en smaller en is eindelijk niet meer +dan een kloof met prachtig begroeide rotsen. Midden op den weg komt +een breede waterstraal uit een spleet in den rotswand op ongeveer +vijftig meter boven het dal, en stort zich in de Mürz onder schuimend +uiteenspatten op de rotsen. Een houten trap met treden, die door het +slijk glibberig zijn geworden, voert een eindje in de geheimzinnige +duisternis van de spleet. Een grafkruis geeft iets lugubers aan deze +plek, waar het donderend geraas van den waterval nooit ophoudt. Enkele +passen verder had een ongeluk met haar paard bijna het leven gekost +aan keizerin Elisabeth in 1883. De edele vrouw bleef toen bewaard, +om later onder het mes van een moordenaar te vallen. + +De donkere vallei, waar eens zeker een spoorweg door zal loopen, +om de scharen pelgrims naar Maria Zell te brengen, loopt uit in een +diepte, waar alles groen is en waar de kleine protestantsche gemeente +Frein aan den voet van den Hohen Proles en den Hohen Student is +gelegen. Bemodderde voetgangers, allen bedevaartgangers, de vrouwen +met hoog opgeschorte rokken, stappen over de vuile dorpsstraat. De +bosschen rooken, en de wolken hangen laag op de hellingen. Groen +Stiermarken wordt al groener en groener, ook door den regen, die zijn +deel heeft aan de frissche tinten. + +Het dal, waardoor wij langzaam stijgen naar een pas, is geheel met +een groen tapijt bekleed. Geen veld, geen rots, geen stukje grond, +of het is een deel van de groote symphonie in groen. Alleen de hemel, +die met grijze wolken is bedekt, steekt af bij de algemeene hoofdkleur. + +Nu hebben wij den weg bereikt, die van het station Kernhof, het dichtst +bij Maria Zell gelegen, naar de bedevaartplaats leidt. Het uithangbord +van een herberg leert ons, dat wij de grens van Beneden-Oostenrijk +naderen, en toen we stilhielden, kuste een oude bedelaar ons de +hand met zijn zwaren, natten knevel. Dit is hier het dal der Salza, +waardoor wij in enkele dagen dat der Enns zullen bereiken, de tweede +hoofdader van Stiermarken naast de Mur. + +Nog één steile helling, waar telegraafpalen aantoonen dat we +beschaafder streken naderen, en we zijn boven Maria Zell, dat over +de berghelling verspreid ligt en een prachtig ruim uitzicht geniet +over wijde, groene golvingen. De kerk trekt dadelijk de aandacht, +ofschoon groote moderne hotels er rondom heen verrijzen, zoodat zij +niet meer als vroeger boven nederige hutten troont. + +Die kerk, die zoo eerbiedwaardig is uit het oogpunt van het geloof, +is zeer leelijk uit aesthetisch oogpunt. Men is op het crimineele +denkbeeld gekomen, haar gothische spits te omlijsten met twee +vierkante torens met toscaansche pilaartjes en leelijke rococo-daken, +en daarachter verrijst een soort van duiventil in cilindervorm, +waaruit men ieder oogenblik de vluchten witte duiven denkt te zullen +zien uitvliegen. + +Er blijft ons slechts één troost, namelijk een prachtig paneel in +het hoofdportaal, het eenige voorbeeld van naïeve kunst, dat ontsnapt +is aan de beeldstormers van de Renaissance. Het stelt voor den slag +aan de Maritza, waarin koning Lodewijk van Hongarije de Turken, +of liever de Hongaren, hun bondgenooten, versloeg. Het onderwerp is +met een merkwaardige levendigheid behandeld, en boven een verwoed +gevecht waait de standaard met het kruis van Hongarije. Naast dit +tooneel van strijd troont de Heilige Maagd rustig in den hemel, +terwijl de koning in geknielde houding haar het beeld overreikt, dat +zijn wensch symboliseert. En daar er iets fantastisch moet wezen bij +een voorstelling uit de Middeleeuwen, iets, dat aan magie herinnert, +wordt een hoek van het paneel ingenomen door een onbegrijpelijke +nabootsing van den duivel. + +Al zijn er buiten aan de kerk nog sporen overgebleven van de gothische +kerk uit het eind der veertiende eeuw, toen de zegevierende koning +van Hongarije haar liet bouwen, wiens standbeeld vóór den ingang +tegenover dat van markgraaf Hendrik van Moravië staat, van binnen is +al het oude geheel verdwenen, zoo zelfs, dat men meende, dat alleen +de middentoren van den gevel van het oude gebouw was overgebleven, +totdat een kundig archaeoloog, professor Petschnigg, bewees, dat de +oude kerk opgenomen was in de kerk van de zeventiende eeuw. + +De slanke gothische pijlers zijn in de zware moderne pilaren +opgenomen en het oude schip is verbreed en langer gemaakt. Wel heeft +het inwendige van de kerk, waarvan de Italiaan Sciassia in 1644 de +herstelling begon, iets grootsch en indrukwekkends door de wijde +ruimten, de breede lijnen en de goede proporties; maar men moet +zich wel met smart te binnen brengen, dat de arme, oude gothische +kerk, die al het verledene heeft bijgewoond en die zoo luid tot onze +verbeelding zou hebben gesproken, ingemetseld is als de personnages +uit sommige legenden in de pilaren van deze pompeuse kerk, die wit en +crême is als een salon, en vol geschilderde medaillons als aan den +wand hangende schilderijen. Zoo wij er al geen pleizier aan hebben, +deze weelde van slecht allooi boeit de goede bergbewoners, wier onder +tucht staande groepen, blootsvoets en met hun bagage op den rug in +alle richtingen door het kerkgebouw schrijden, terwijl de beelden +van de Moeder Gods voor de processie uit gedragen worden. + +Het middelpunt van de processies en de gebeden is de Gnadenkapelle, +een gothisch gebouwtje, waarvan de kolommen zonder twijfel vroeger, +behalve aan den voorgevel, door wanden van echt marmer verbonden +waren. Over den voorgevel loopt een traliewerk van zilver, een +gift van keizer Frans den Eerste van Lotharingen en zijn vrouw +Maria Theresia. Daarboven ziet men een versiering van schelpwerk, +waar borstbeelden tegen uitkomen, die men houdt voor die van koning +Lodewijk van Hongarije en zijn vrouw. Achter in dit heiligdom van +een barbaarsche pracht staat op een zilveren altaar, in een met +goudborduursel en zilveren pailletten getooid kleed, de wonderdoende +Maagd, die door de kracht van het geloof, dat bergen verzet, maar hier +bergen doet overschrijden, de vrome menigten aantrekt uit alle vier +hoeken van de Oostenrijksche monarchie. En in onze gedachten zien we +hen allen door regen en sneeuw, over de moeilijkste bergpaden naar +dit lichtend punt, deze ster der wijzen samenkomen. Het middelpunt +dier machtige aantrekking is een beeld, uit lindenhout gesneden, +slechts 47 centimeter hoog, op gouden grond geverfd in bonte +kleuren. Volgens de legende is het beeld afkomstig uit de cel (Zelle) +van een kluizenaar-priester, die met nog vier anderen omstreeks 1147 +door de abdij van Sint Lambrecht was uitgezonden, om aan de herders +van deze bergen het Evangelie te verkondigen. + +De kerk zelve heeft niets bijzonders dan enkele mooi bewerkte ijzeren +hekken en het groote altaar, waarboven men een wereldbol ziet van +zilver, waaromheen zich de symbolische slang slingert. Ook is er +een hoog ebbenhouten kruis met de zilveren beelden, in natuurlijke +grootte, van den Vader en den Zoon, geschonken door keizer Karel +den Zesde. Voor het altaar staat een zuil met het beeld der Maagd, +waar de bedevaartgangers op de knieën omheen moeten gaan. Op de +bovengalerijen zijn de muren behangen met ex-voto's en schilderwerk, +dat de wonderen voorstelt. + +In de schatkamer zijn, als in een soort van museum, allerlei +interessante zaken bijeen gebracht, bijvoorbeeld een schilderij van +Maria, gegeven door koning Lodewijk van Hongarije, dat, naar men +meent, op zijn huisaltaar stond. Het schilderwerk van dit beeld doet +denken aan de school van Giotto; de achtergrond is van blauw émail, +met gouden leliën bezaaid, en de zilveren lijst is een mooi stuk +zilversmidswerk. Er zijn ook kerkelijke gewaden, waarvan enkele aan +Matthias Corvinus worden toegeschreven, dan een ivoren diptiek uit +de veertiende eeuw, ook van dien vorst ontvangen. + +Geheel Maria Zell is maar een aanhangsel van de kerk; de hotels en +herbergen zijn er slechts om de pelgrims te logeeren, en in de winkels +spelen vrome prenten en beelden de hoofdrol. Lange rijen winkeltjes, +waarvan de nieuwste van ijzer, vormen een echte markt van kerkelijke +voorwerpen. De oude houten winkeltjes waren in 1827 de aanleiding +tot een brand, die bijna het geheele dorp verwoestte. + +Het is een curieus gezicht, de boerinnen met haar wijde rokken en +bonte doekjes, vol eerbied met gevouwen handen en wijd geopende oogen, +kijkend naar al die vrome pracht van goedkoop klatergoud, en ze dan +even daarna waar te nemen, al dingend om de prijzen wat lager te +krijgen, terwijl men in de verte de liederen der processie hoort, +die onophoudelijk met wapperende banieren door het dorp trekt. + +Wij zullen, om weer in de buurt van den spoorweg te komen, nog lange +einden te voet en per rijtuig moeten afleggen, maar het gaat door een +streek, welker schoonheid ons de lengte van den weg zal doen vergeten. + +We gaan langs den voet van den Hochschwab, een interessant +kalkgebergte, waar men een modelhoeve kan zien, die daar aan den +oostelijken voet werd opgericht door aartshertog Johan, om in +deze achterlijke streek de menschen op de hoogte te brengen van de +verbeteringen in den landbouw. + +Ook is dit de klassieke streek van de gemzenjacht. Het is een +moeilijk bedrijf; dat blijkt al uit de uitrusting van hen, die wij +ontmoeten. Zooals zij daar gaan met den Alpenstok in de eene hand, +het geweer in de andere, om de schouders een lap vilt met een gat +erin voor het hoofd, de kuiten in kousen van grove wol en schoenen +met enorme spijkers, lijken ze meer op roovers dan op ordentelijke +jagers. Ze vertellen ons niettemin zeer vriendelijk, dat er morgen +een groote jacht zal zijn, en dat als wij op die en die plaats gaan +staan, wij de gemzen zullen kunnen zien voorbijkomen. + +De gems is hier geen legendarisch dier zooals in Zwitserland; +integendeel, men ontmoet er soms troepen van 50 tot 100 stuks, en als +ze niet gejaagd worden, kan men ze wel eens tot op vijftig pas naderen. + +De jachtverblijven van den hertog van Parma, van prins Hohenlohe en +anderen volgen elkander op in het dal der Salza, en hertengeweien +zijn het sieraad van elke herberg. + +Uit het dal der Salza gaan we over den pas van de Eisenerzer Höhe te +voet naar Eisenerz. De aankomst te Eisenerz, dat zeer hoog boven het +dal is gelegen, is treffend. Een nieuw Stiermarken doet zich daar +aan ons voor, het metaalhoudende Stiermarken. Beneden in het dal +verrijzen de hooge schoorsteenen van de fabrieken en de kolossale +forten, waarop de hoogovens gelijken, terwijl de met erts beladen +treinen onophoudelijk langs de hellingen rijden. Maar boven die +drukte in de diepte liggen de groene weiden, en weer hooger de zone +van dichte wouden, terwijl op dat alles neerzien de hooge, edele +bergreuzen, de Kaiserschild, de Wildfold, die een bekroning zijn, +waarvan de majesteit al het rumoerige en vuile werk der menschen doet +vergeten. Men komt hier tot het besluit, dat de industrie alleen de +middelmatige landschappen kan bederven, maar dat zij niet vermag, +de grootsche aspecten der natuur te ontsieren. + +Een hooge, roodgekleurde berg met afgeronde vormen en gestreept als +door treden, die donkerder schijnen in het licht der ondergaande zon, +steekt af bij al het groen van het landschap, het is de Erzberg, +symbool van den metaalrijkdom van het land. Die waardevolle +berg bestaat geheel uit mineralen, en reeds sinds eeuwen zijn de +menschelijke mieren op zijn flanken aan het graven en wroeten, knagen +den berg methodisch af, en zoo de menschheid, zooals waarschijnlijk is, +voortgaat ijzer noodig te hebben, zal de berg ten slotte geheel zijn +opgebruikt. Aan den voet liggen, dicht opeengehoopt, de oude huizen +van het ouderwetsche stadje Eisenerz onder bescherming van de kerk, +die op een fort gelijkt. + +Dat antieke stadje is herhaaldelijk door plagen geteisterd, +door branden, pest, godsdienstoorlogen; maar het stond altijd in +groote gunst bij de vorsten, die de economische beteekenis ervan +begrepen. Maximiliaan de Eerste gaf het plaatsje zijn privileges, +die verbrand waren bij den grooten brand van 1492; Jozef de Tweede +kwam zelf in een der mijnen de mijnboor hanteeren. Toen de Franschen +er viermaal doorgetrokken waren tusschen 1800 en 1809, en er aan de +bevolking zware belastingen hadden opgelegd, waarvan de onaangename +herinnering nog bewaard gebleven is in den naam van een berg, die +Franzosenbüchel heet, ging Frans de Eerste zijn volk troosten bij die +nieuwe beproeving. De overlevering van die vorstelijke bezoeken leeft +nog in onze dagen, en de oude residentie van de graven van Eisenerz, +de Kammerhof, is in een keizerlijk jachtslot veranderd. + +De oude gemeentekerk van Sint-Oswald heeft al die gebeurtenissen +overleefd, die zij van hoog standpunt heeft zien gebeuren; zij staat op +een vooruitspringend gedeelte van den Erzberg boven de oude boomen van +het door haar behoede stadje. Er hiermee wordt niet alleen bedoeld de +moreele bescherming, waarvan Luther zingt in zijn Eine feste Burg ist +unser Gott; maar feitelijk is de kerk omgeven door een muur met groote, +ronde torens, zoodat het een echt fort is, waar alle bewoners geborgen +konden worden bij de eerste verschijning der turksche horden. Het +oude heiligdom, reeds in 1190 vermeld, herbouwd onder Rudolf van +Habsburg, vergroot onder Frederik den Derde, en versterkt in 1482, +is nog eens gerestaureerd onder Maximiliaan den Eerste, zoodat het +een zeer geavanceerd gothisch karakter heeft. De orgeltribune en de +gewelven waarop zij rust, herinneren zelfs aan de Renaissance. + +Een andere toren, op vierkanten voet en met een puntig dak, beheerscht +het dorp aan den anderen kant van het dal. Dat is de Schichtthurm, +welks klok vroeger de uren van de Schicht sloeg, dus de tijd van +het neerdalen in de mijn. Van daar heeft men een goeden kijk op de +eigenaardige ligging van Eisenerz, en men staat er vlak tegenover den +berg, die in trappen is uitgehouwen en met welks vernieling steeds +legioenen van arbeiders bezig zijn. + +Boven op den berg staat een kolossaal kruis, aan welks voet een groot +medaillonportret is te zien van ... ik behoef het wel nauwelijks te +zeggen ... aartshertog Johan. Het is een eigenaardige tocht van daar +naar beneden naar Eisenerz langs de reuzentrap van de mijnwerken, te +midden van het rollen der treinen met erts, die in alle richtingen den +berg doorkruisen, het klinken der signalen, het geluid der houweelen +en hamers, het gedonder der ontploffingen, dat door de echo's wordt +herhaald, en het gegons van den menschelijken bijenkorf, met de +vernieling van den ijzerberg bezig. + +Nu en dan brengt een bosch, een weide of een dichterlijk kapelletje +wat afwisseling. Zoo is er de kapel van Sint Barbara, waar men u de +Wonderstufe laat zien, een stuk mineraal, waarin bereidwillige oogen +een beeld van de H. Maagd aanschouwen in een stralenkrans. + +Op een uur afstands van die drukte van de industrie kan men, ook +wel per spoor, het meer Leopoldstein bereiken, een juweeltje, dat +omsloten wordt door het Münichdal, rechts van het dal der Erzbach, +waarvan het gescheiden is door een lagen heuvel, die het middeleeuwsch +kasteel draagt van hertog Arnoud van Beieren. De oevers van het meer +zijn een heerlijk rustoord in een prachtige omlijsting. Het water is +in den zonneschijn blauw als dat van de Middellandsche Zee, en het +weerkaatst een zwaren muur van rotsen, de Seemauer, en den trotschen +top van den Pfaffenstein. Men kan een aangename wandeling doen, als men +den oever van het meer ziet glanzen onder het zachte zuchten van den +wind. Laat echter de wind eens tot storm opsteken, en zwarte wolken +hangen boven het diepe meer, dan verdwijnt alle vroolijkheid uit het +landschap en als sinistere reuzen staan de rotsmuren in het rond; het +geheel krijgt een tragisch aanzien, en de schipper, die met zijn boot +door den storm wordt overvallen, is ver van veilig op dit watervlak +van vijftig hectaren, waar de stormen vreeselijk kunnen woeden, +maar dat in een volgend oogenblik weer lacht in den zonneschijn. + +Als wij de Erzbach stroomaf volgen, komen we in het dal der Enns, +waar nog indrukwekkender natuurtooneelen ons wachten. Over een +lengte van vier mijlen wringt zich die stroom door een diepe kloof +in het kalkgebergte; al springend doet hij hoog het schuim opspatten +en laat een klagenden toon hooren, als het snelstroomende water zich +voortspoedt tusschen de van de rotswanden neergestorte blokken. Vandaar +de naam Gesäuse. + +De gewone weg en de spoorweg hebben toch kans gezien, binnen te dringen +in de diepe, smalle kloof, al moeten zij telkens van de eene naar de +andere zijde overspringen. Na elke tunnel krijgt men een nieuw en +altijd imposant landschap te zien, en het zou heiligschennis zijn, +zich tevreden te stellen met wat men ervan uit de raampjes van +den spoorwagen kan bespeuren. Ieder, die de mooie natuur weet te +waardeeren, is verplicht, bij het station Gstatterboden, dat halfweg +de mooie route is gelegen, den trein te verlaten. + +Daar verheft zich in zijn onmiddellijke nabijheid een steile berg, +zooals hij er nooit een op het perron van een spoorweg zoo dichtbij +zal hebben aanschouwd. De gezichtslijn vormt, als men naar den top +kijkt, een hoek van 35 graden, 50 minuten, wat op een respectabele +steilte wijst. + +Die top, de Planspitze, die in het kalkgebergte is uitgespaard, rijst +wit omhoog uit een dicht groen plantenkleed en beheerscht de rivier, +waarboven hij zich 1500 meter verheft. Hij schijnt onbestijgbaar en +het heeft dan ook lang geduurd, eer men hem had vermeesterd. Wanneer +men echter zeer nauwkeurig let op een richel, die aan den linkerkant +van den reus er langs loopt, en waar zich langs den trotschen muur +een waterval naar beneden stort, zal men met goede oogen een heel +smal paadje ontdekken, dat den formidabelen top beklimt, en welke +verschrikkelijke steilte den eenvoudigen toeschouwer beneden in het +dal al duizelig maakt. Hier herkent men het stoutmoedige werk van +de Alpinisten. En inderdaad is dat pad in het leven geroepen door +de Alpenvereeniging "Ennsthaler", en het voert na een klimpartij +langs touwen, ijzeren koorden en in de rots geslagen haken naar de +schuilhut, genaamd de Hesshütte, naam van den beroemden Alpinist +H. Hess, die met Purtschellen geschreven heeft het boekje, "De +Hochtourist", handboek der bergbestijgers en een lijst bevattend +van die toppen in de Oost-Alpen, die bijna ontoegankelijk zijn, +met nauwkeurige aanwijzingen hoe ze te overweldigen zijn, terwijl de +gemakkelijk toegankelijke toppen in het geheel niet genoemd worden. + +Van de Hesshütte kan men dan de Planspitze bereiken en met nog meer +inspanning den Hochtor, den vorst der Alpen van het Ennsdal, hoog 2372 +Meter. Als men op het station Gstatterboden den blik naar het Westen +wendt, kan men daar een tooneel aanschouwen, minder afschrikwekkend, +maar dat het oog weldadig aandoet. De Enns, die wat rustiger is +geworden, kronkelt zich met de sierlijkste slingeringen door het +boschrijke dal over een bedding van witte steenen. Overal op de hoogten +staan de prachtige wouden, iets dunner wordend hooger op de bergen, +en samen een heerlijke omlijsting vormend voor den Reichenstein, +dien men niet moet verwarren met den berg van dien naam bij Eisenerz. + +De gemakkelijke weg door het dal is zeer gezocht bij de wandelaars; +men ontmoet er jonge meisjes, die Alpenbloemen plukken, jongelui, die +hun rijwiel in zijn gang vertragen, om het spel van licht en schaduw te +volgen, dat zich voltrekt op het groene watervlak van den bergstroom, +en Alpinisten met den langen bergstok, die moeilijke steilten gaan +vermeesteren. Er ontbreken nog maar de heeren automobilisten aan +met hun apocalyptische voertuigen, die even gauw verdwijnen als ze +zijn verschenen, maar welker nagelaten geur een alleronaangenaamste +herinnering achter zich werpt; ze zouden hier geen wolken stof kunnen +opjagen, waarin ze zich zoo gaarne als de goden hullen, om zich aan +het oog der gewone stervelingen te onttrekken. + +Een weg, die op den grooten weg uitkomt, wenkt ons met een door +groen omslingerde poort, waarboven het woord "Willkommen" prijkt. Zoo +stappen wij het Johnsbachdal binnen en verdiepen ons al meer en meer +in de bergen, waar telkens de heerlijkste kijkjes ons worden gegund in +smalle kloven, terwijl we plotseling worden verplaatst uit de schaduw +der bosschen op groote vlakten, die met witte steenen zijn bezaaid. De +zon zendt steil haar stralen op ons neer, en wij begroeten daarom met +genoegen de groene oase van Johnsbach, waar het dal van aard en van +richting verandert. De dorre kloof wordt een breed dal, de rotsmuren +maken plaats voor groene, golvende terreinen, en uit het kalkgebergte +komen we in de streken van de afgeronde, ijzerhoudende bergen. + +Gezeten in de schaduw bij de herberg Donnerwirth, bewonderen wij +de andere zijde van de Alpen van het Ennsdal en de onmiddellijker +omgeving, die een bekoorlijk hoekje is met een klein wit kerkje, +dat al van 1310 dagteekent en in een nestje van groen is gelegen +onder rotsen, gelijk aan ruïnen van oude kasteelen. De wolken, die +voor de zon langs trekken, wijzigen ieder oogenblik het landschap en +geven er een soort van leven aan; wij worden er door geboeid, zooals +men aan het strand nooit moe wordt op het spel der golfjes te letten. + +Wij vreesden dat onze dichterlijke stemming verstoord zou worden +door een gezelschap, dat er zeer epicuristisch uitzag, iets als de +Cent-Kilos met korte broeken en bloote knieën boven grove wollen +kousen en bock na bock verorberend. Maar daar staat een van hen op, +en ondanks het aanplakbiljet, waarop verzocht wordt alle rumoer te +vermijden, om het wild niet te verschrikken, begint hij met zuivere +stem geen bacchantenliedje of een mopje uit een café-concert aan te +heffen, zooals men verwacht zou hebben, afgaande op zijn uiterlijk en +manieren, maar een ernstig lied, waarin van de bergen en het vaderland +en van Duitschland sprake is. De moeilijk verteerbare grappen hebben +opgehouden, de luisteraars hebben allen ernstige gezichten en luisteren +naar den zanger met een soort van vromen eerbied. Die wonderlijke +mengeling van lyrische sentimentaliteit en zeer prozaïsche neigingen +geeft wel een goed denkbeeld van de tegenstellingen, waarop men altijd +stuit bij de germaansche rassen. + +Een klimpartij tusschen dennen door brengt ons naar de Treffner Alm, +van waar wij ons gemakkelijker kunnen oriënteeren in den doolhof +van de Alpen van het Ennsdal. Die hooge weide ligt op een pas, die +over den Reichenstein leidt en den Sparafeld en het mogelijk maakt, +om uit het Johnsbachdal te komen bij de Kaiserau, de herberg van de +Admont-abdij, waar een klein kasteeltje het zomerverblijf is der abten. + +Van de Treffner Alm overziet men het Johnsbachdal, dat overal groen +is, waar men geen enkel roodgekleurd spleetje van den bodem te zien +krijgt, en waar boerenhoeven zich uitstrekken tot aan den Neuburger +Alp. Maar wat het meest hier de aandacht trekt, is de zuidkant van +de kalkbergen en vooral op het eerste plan de scherpe pyramide van +Idstein, welks kale top door de natuur als palet wordt gebruikt, +om er steeds weer nieuwe verven op te strijken. Wij keken lang naar +de afwisselende verlichting, die ook de vormen schijnt te veranderen, +tot in fellen gloed de zon onderging en den piek verguldde, hem eerst +grooter makend tegen den zwarten achtergrond der kloof, en hem ten +laatste uitdoovend in de opstijgende geuren uit het dal, waar het +versch gemaaide gras het grootste deel aan heeft. + +Aan den uitgang van het Gesäuse, waar wij den spoorweg weer vinden, +wijken de bergen ver van het dal terug, en zoo doet zich het +vriendelijke Admontbekken voor. Hier is alles anders, een kleine +vlakte, bedekt met bebouwde velden, afgewisseld door boschjes en +weiden en nette huizen, die van welvaart getuigen. Maar daarom is het +nog geen prozaïsch landschap, want een kring van hooge bergen geeft +er stijl aan. + +Het Benedictijnerklooster van Admont is gesticht door den aartsbisschop +Gebhard van Salzburg in 1074, dus later dan het klooster van Göss, dat +het oudste uit de streek is, maar vroeger dan die van Sint Lambrecht, +Rein en Verau. De stichtingsdata van die groote kloosters, die zooveel +hebben gedaan voor de beschaving in de Oost-Alpen, liggen meestal +tusschen het begin der elfde eeuw en de tweede helft der dertiende. + +Admont was van het begin af een centrum van intellectueele +ontwikkeling. De latijnsche geschriften van de eerste en geleerdste +abten, Gottfried, Irembert en Isenrik hebben groote dichterlijke +bekoorlijkheid. Men deed in het klooster ook aan muziek, en abt +Engelbert heeft in de dertiende eeuw een geschrift gemaakt, waarin hij +samenvat wat er in zijn tijd aan muzikale kennis in de wereld bestond, +een werk van groote waarde voor onze geschiedschrijvers der muziek. + +Doch kunst en wetenschap waren niet altijd voldoende voor de abten +van Admont. Abt Hendrik de Tweede, die keizer Rudolf van Habsburg in +het klooster geherbergd had, werd in 1286 benoemd tot Landeshauptmann +van Stiermarken, een waardigheid, die den woeligen adel van het land +tegen hem in het harnas joeg. Hij had een tragisch einde, want een van +zijn bloedverwanten vermoordde hem in de buurt van het klooster. Na +dien onrustigen tijd wijdde men zich weer aan de studie; er werden +scholen opgericht en zelfs een gymnasium en een hoogeschool behoorden +bij het Admontklooster. + +Van de in 1074 gestichte kerk is niets meer over; zij is in 1152 +een prooi der vlammen geworden. De nieuwe kerk, die terstond weer +werd gebouwd, is alleen terug te vinden in een portaal en in een +gebeeldhouwden leeuw. Admont is dikwijls door de plaag van brand +geteisterd, het laatst in 1865. De vlammen in het dorp door een +misdadige hand ontstoken, bereikten ook de abdij en richtten er enorme +schade aan. De brand duurde vier volle dagen, en een maand later brak +het vuur nog weer uit de puinhoopen, toen ze opgeruimd werden. De kerk +stortte in, de klokken stortten neer als een gesmolten massa, en alleen +eenige gewijde voorwerpen ontsnapten aan de algemeene vernieling op een +werkelijk wonderdadige wijze. De tegenwoordige kerk, de Blasienmünster, +dadelijk opgebouwd na de ramp, zal dus weinig belang inboezemen aan +hen, die graag luisteren naar wat oude dingen te vertellen hebben. Haar +twee scherpe spitsen maken een goed effect in het landschap. + +De gebouwen, die bij het klooster hebben behoord, besloegen een groote +ruimte; er wordt gesproken van zes binnenpleinen en 1180 vensters. Na +den brand van 1865, waar de bibliotheek gelukkig aan ontkomen is, +heeft men alleen drie vleugels weer opgebouwd om een plein. Zij maken +nog een treffenden indruk en geven een denkbeeld van wat het oude +klooster moet zijn geweest + +De door den brand vernielde gedeelten waren in 1734 gebouwd en moesten +volgens de eerste plannen de afmetingen van het Vaticaan hebben, +dus van het grootste paleis ter wereld, maar die plannen zijn nooit +tot uitvoering gekomen in hun geheel. + +Bij een bezoek aan het klooster verzuimt men gewoonlijk niet +het Kellerstübel, een klein gewelfd zaaltje met betimmering van +dennenhout, waar men tusschen de worst en de kaas den Lüttenberger +kan proeven, die in de wijngaarden van de abdij is gegroeid. Het is +een eigenaardige omgeving in dat lage zaaltje met de geschilderde +zoldering, waarop de wapens van het klooster prijken, een crucifix +tusschen twee hertehoorns naast een aan den muur hangende guitaar, +terwijl men door een oud renaissancepoortje het uitzicht op een park +met allerlei klassieke versierselen heeft. + +Dat was ons afscheid van Stiermarken, van dat schoone land, waarop +de Dachstein neerziet, die hooge berg, dien Stiermarken, Salzburg en +Boven-Oostenrijk met elkander deelen. + +Hij staat, als 't ware aan Stiermarkens begin en in het bekende +gedicht van J. Dirnböck, dat door L.C. Seydler op muziek is gezet, +zingt de Stiermarker: + + + Hoch vom Dachstein an, wo der Aar noch haust, + Bis zum Wendenland am Bett der Sav', + Und vom Alpthal an, das die Mürz durchbraust, + Bis ins Rebenland im Thal der Drav': + Dieses schöne land ist der Steirer Land + Ist mein liebes, theures Heimathland. + + +En daarna vervolgt hij, zijn land met vaderlandslievenden trots +omschrijvend en telkens met de beide laatste bovenstaande regels +besluitend: + + + Wo die Gemse keck von der Felswand springt, + Und der Jäger kühn sein Leben wagt; + Wo die Sennerin frohe Jodler singt + Am Gebirg, das hoch in Wolken ragt: + + Wo durch Kohlengluth und des Hammers Kraft, + Starker Hände Fleiss das Eisen zeugt; + Wo noch Eichen stehn, voll und grün von Saft + Die kein Sturmwind je noch hat gebeugt: + + Wo der Mais und Haid'n herbstlich duftend blüh'n + Und des Obstes Füll' so lachend keimt; + Wo im Unterland süsse Trauben glüh'n, + Deren edles Blut wie Perlen schaumt: + + Wo am Kirchweihfest noch nach alter Weis' + Sanfter Zither Ton und Hackbrett klingt. + Und der wack're Bursch rasch und flink im Kreis' + Holde Dirnen froh im Tanze schwingt: + + Wo noch deutsches Wort und ein Handschlag gilt, + Frommer Sinn noch herrscht und Tugend währt, + Wo auf Mädchenwang' noch das Schaamroth spielt + Und die Hausfrau klug den Segen mehrt: + + Wo's im schlichten Rock wie im Fürstgewand + Edle Männer giebt voll weisem Rath; + Die ein Schutz und Schirm für das treue Land + Rüstig vorwärts geh'n in reger That: + + Wo in jedem Arm die geerbte Kraft + Habsburgs Enkeln blüht voll alter Treu, + Für den Kaiser gern Jeder auf sich rafft + Und dann eisern steht in Schlachtenreih: + + + + + +Van Toledo naar Granada. + +Naar het Fransch van Mevr. JANE DIEULAFOY. + + +I. + + De aanblik van Castilië.--De rondtrekkende kudden.--De + Mesta.--De Taag en haar dichters.--De Cuesta del Carmel.--De + Cristo de la Luz.--De hydraulische machine van Juanilo + Turriano.--De Zocodover.--Oude paleizen en antieke + synagogen.--De Joden van Toledo.--Een herinnering aan de + overstrooming van de Taag. + + +"Van Madrid naar Toledo," schrijft een spaansch schrijver uit de 18de +eeuw, "leidt een volkomen vlakke weg." + +Hoe waar is dat nog steeds, en wat is die weg somber en eentonig, die +zich tusschen de hoofdstad van het moderne Spanje en de oude hoofdstad +van het westgothisch rijk uitstrekt! Nauwelijks heeft men de huizen +van Madrid, die amphitheatersgewijs gerangschikt zijn boven den blauwen +halven cirkel van de Guadarramaketen, uit het gezicht verloren, of men +betreedt een streek zoo verlaten, dat ze iemand een huivering bezorgt. + +Boven zich ziet men den hemel onverstoorbaar blauw, en beneden strekt +zich eene eentonige, grijze vlakte uit, bezaaid met sprieten van een +harde grassoort, en hier en daar de asch van het stroo, dat terstond +na den oogst verbrand wordt. De zeer weinige dorpen, waarvan de hutten +gebouwd zijn van aarde of van steenen, die de kleur van den grond +hebben, zijn haast niet te onderscheiden. Men zou ze heelemaal niet +zien, wanneer niet enkele boomen een mager bouquetje van groen deden +oprijzen rondom de armoedige plaatsjes. Als men door de kale vlakte +gaat, komt men tot de overtuiging, dat de bevelen van den Raad van +Castilië, waarbij aan elken dorpsbewoner de plicht werd opgelegd, +minstens vijf boomen per jaar te planten, wel slecht werden opgevolgd. + +De oorsprong van die antieke verordening klimt seker wel op tot een +periode uit het grijs verleden. Zou zij mogelijk nog in verband staan +met zekere oude wetten van den godsdienst, waarbij het aanplanten van +boomen, het ontginnen van woeste gronden en het telen van vee behoorden +tot de vrome werken, door Ormuzd, den god van het oude Perzië, bevolen +en gezegend? De Arabieren hadden zich in hun omzwervingen te zeer +gemengd onder de volken, die ze onderworpen hadden, en de Perzen hadden +door hun wetenschap, hun intelligentie en hun kunstzin te veel indruk +op hen gemaakt, dan dat zij aan dien invloed konden zijn ontsnapt. Moet +men zich erover verbazen, als ze aan dat volk hun wetten ontleenden en +de daar heerschende overleveringen meebrachten naar Spanje, wetten, +die de Christenen na de verdrijving van den erfvijand wijs genoeg +waren te behouden? Wat zou het te wenschen zijn geweest, dat ze de +bepalingen onveranderd hadden gelaten, die den akkerbouw regelden; de +helft van Spanje zou niet onvruchtbaar en dor zijn zooals tegenwoordig. + +Hoe het zij, men behoeft geen moeite te doen, boomen te zoeken tusschen +Madrid en Toledo. Men zou er zijn oogen vruchteloos bij inspannen en +er zijn geduld bij verliezen. + +Zeker, de Castiliaan houdt wel van schaduw, die de hitte van de +gloeiende zon tempert; maar hij houdt meer van de graankorrels, die +opgegeten zouden worden door de vogels, nestelend in het gebladerte +der boomen. Wat kan den landman het gekweel der vogels schelen, van +die beeldige bouquetjes van vederen, zooals Calderon ze zoo aardig +noemt, als hij denkt aan den oogst, dien hij heeft gezaaid, gewied en +ingehaald met zwaren, noesten arbeid! Enkel de nachtegaal en de zwaluw +vinden genade in zijn oogen, maar alleen omdat ze insecten verdelgen +en de insecten verderfelijk zijn voor den oogst. De Castiliaan is arm; +hij heeft slechts te kiezen tusschen het eene of het andere kwaad! + +Als vergoeding mogelijk is Castilië rijk aan historische en +legendarische herinneringen. + +Te Esquivias zal men niet nalaten, zich het huwelijk en het langdurige +verblijf van Cervantes ter plaatse te herinneren; iets verder zal +men zich de schaduw van den ridder van de droevige figuur voor +den geest roepen, die van Sancho Pansa en zelfs die van Dulcinea, +wier geboortedorp het in de onmiddellijke nabijheid gelegen Toboso +was. Al wat in die geschiedenis voorkomt, heeft sporen nagelaten in +het land, en tot Rossinante toe, tot het rijdier van Sancho Pansa, +tot de kudden; waar de Ridder op aan viel, hebben een talrijke +nakomelingschap gekregen in magere paarden, domme ezels en langharige +merinosschapen. Wie zou eraan durven twijfelen? Om zoo'n ongeloovigen +Thomas te straffen, zou het nog niet eens voldoende zijn, dat men de +Inquisitie weer in het leven riep. + +Het is niet de eerste keer, dat ik die rondzwervende kudden aantref, +die al sedert oude tijden van de eene naar de andere weide trekken +van het eene eind van Spanje naar het andere, al naar de wisselende +seizoenen. Ze zijn niet van heden of gisteren, die zwervende kolonies, +geleid door herders te paard en gehoed door halfwilde honden, alle +planten wegvretend van den grond en dien daardoor onvruchtbaar houdend, +terwijl ze hem onder hun voeten treden. + +Millioenen schapen in het bezit van een soort van genootschap, bekend +onder den naam van Mesta en waartoe de grootste heeren en de abten van +de rijkste kloosters behoorden, lieten zich in de lente en den herfst +in sommige streken neer, waar hun korte, gretige tanden weldra elk +grassprietje hadden afgegraasd. Er waren bepaalde privileges aan het +genootschap toegekend, waardoor de omzwervingen begunstigd werden, +en de Mesta werd zelfs zoo machtig, en kon zoo autoritair optreden, +dat het durfde verbieden, bepaalde vruchtbare landen te bebouwen, +om er overvloedige weidegronden te behouden. + +En terwijl de herders, die zoo in bescherming werden genomen, al +stoutmoediger werden, verloor de onderdrukte boer allen moed, want +niets beschermde hem tegen een gevreesden inval van den vijand. Het +zou hem niets geholpen hebben, had hij zich beklaagd over de door de +kudden aangerichte verwoestingen, kudden, die toebehoorden aan de +edele heeren van Santiago of Calatrava, of dat hij zich verdedigde +tegen de veertig duizend tot den ongehuwden staat veroordeelde +herders, daar de eischen van het nomadenleven hun niet toestonden te +trouwen, en die vaak nog veel woester en boosaardiger waren dan hun +honden! Zonder hoop en zonder ergens een toevlucht te kunnen vinden, +liet de boer zijn ploeg in den steek en verliet het ouderlijk dak. Het +was dan nog beter tot landverhuizing zijn toevlucht te nemen, naar +de Nieuwe Wereld te gaan, die fabelachtige streken op te zoeken, +waar men het goud met de spade opschepte; waar men niets wist van de +onderdrukking door de groote grondbezitters, van den dwang tot arbeid, +uitgaande van de kloosterorden, en vooral niet van de schapen! In de +Middeleeuwen was het zachte, lieve schaapje een plaag, nog veel erger +dan de sprinkhanen; het moderne Spanje gaat nog onder de gevolgen +gebukt. De boer keert nooit terug naar den grond, die hem is lief +geweest, als hij eenmaal zijn hart en zijn krachtige armen ervan +heeft losgemaakt. Bij hem is een dergelijk besluit onherroepelijk. + +Zoodat terwijl oudtijds de oevers van de Guadiana bezaaid waren +met steden en groote dorpen, die een bloeiend aanzien hadden, men +er tegenwoordig slechts ruïnen ziet of armoedige dorpjes, gebouwd +rondom een kerk, die driemaal te groot is voor de luie en verarmde +bevolking. Van eeuw tot eeuw zijn de moedigsten en sterksten van elke +generatie heengegaan, om Zuid-Amerika of de Philippijnen te bevolken, +en de beste qualiteiten zijn erdoor in de verdrukking gekomen. + +Sedert 1835 zijn de voorrechten van de Mesta afgeschaft, en de +rondtrekkende kudden mogen zich nu slechts bewegen over een oppervlakte +ter breedte van tachtig meter; maar het gaat niet in een paar dagen, +dat een zoo ingewortelde kwaal wijkt voor een zoo laat toegediend +geneesmiddel, en er zullen nog eeuwen verloopen, eer de Castiliaan +weer smaak krijgt in den landbouw. Ernstig, statig en somber en +onverschillig, zal hij nog langen tijd de zorg voor het bebouwen van +zijn velden overlaten aan de Galiciërs, de bewoners der Balearen, +of van de Baskische Provinciën, die op zijn kosten leven. Hij zal +er de voorkeur aan geven, honger te lijden in alle vormen, door de +etiquette gewild, dan van de gewoonte af te wijken, door werk te doen, +dat voor dienenden is en dat een hidalgo onwaardig is. + +Dat alles komt van dat domme schaap; het is niet te ontkennen, dat het +beest wat op zijn rekening heeft! Zijn wol alleen pleit voor hem en +bezorgt hem mogelijk vergiffenis; maar zijn côteletten! O wee, men moet +eens in Spanje hebben gereisd, om voor eeuwig er genoeg van te hebben. + +Daar is de Taag; een krans van donker groen wijst aan, waar de +rivier stroomt. Het is een kalme rivier tusschen groene populieren, +en zij vloeit zoo slaperig, dat noch de boomen haar hooren passeeren, +noch het zand iets van haar voorbijgaan bespeurt. In haar stille +rust waarschuwen haar de vroolijke nachtegalen met luider stem, dat +de zon is opgegaan, en dat zij ook wakker worden moet. Tusschen het +riet aan de oevers zegt de zoet voortvloeiende stroom niet, dat het +water is ontwaakt, maar dat het althans bewegelijk is. + +Om strijd hebben de dichters haar bezongen. Garcilaso de la Vega roept +de grillige nimfen aan, die aan de oevers spelen, en zingt van de vier +stroomgodinnen, door de Taag bemind, die te zamen er op uit gingen. Op +deze nimfen doelt ook Cervantes, als hij gewaagt van de schoonheden, +die het kristalheldere water tot woning hebben gekozen en zich op de +groene weide neerzetten, om met haar vlugge vingers kostbare stoffen +te weven, waarin zijde, parelen en goud gemengd zijn. + +Op zijn beurt ondergaat Moratin de bekoring van de golfjes der Taag +en hij viert ze in idyllen, waar Theocritus, noch Virgilius zich voor +zouden moeten schamen; maar niemand heeft beter den statigen stroom +gehuldigd, zooals hij aan het einde van zijn tocht is gekomen dan de +onsterfelijke dichter van de Lusiade. De Taag is niet enkel voor hem +de klare stroom, waarmee de helden uit zijn herderszangen dwepen, neen, +zij is de epische, de heilige rivier, een soort van bezielende godin. + +"Muzen van de Taag," zegt hij "die mij van mijn prille jonkheid af +met uw adem hebt bezield, indien ik altijd in landelijke zangen de +schoonheid van uw rivier heb gevierd, wilt mij dezen keer een verheven +stijl verleenen, een statigen, indrukwekkenden toon.... Verleent mij +de kracht tot het vinden van klanken, wier grootschheid, zoo mogelijk, +evenaart de heldendaden, door uw krijgshaftig volk verricht." + +De Taag, die al lang geblaseerd is door den hyperbolischen lof +der dichters, zet traag haar loop voort als een verouderde rivier, +terwijl de spoorweg zich er van verwijdert en recht op Toledo aan +rijdt. Gelukkig komt hij niet dicht bij de wallen der oude stad. Toen +hij den spoorweg aanlegde, is de ingenieur daarvoor als voor iets +heiligs teruggedeinsd. De reis wordt voortgezet of in een of ander +ouderwetsch voertuig, van niet te beschrijven aard of in een grooten +wagen met vele banken, al naar gelang er meer of minder reizigers +zijn of dat ze meer of minder eerbied afdwingen. De zweepen klappen, +de muildieren schoppen achteruit, de koetsiers vloeken en de stijging +naar de stad der zeven heuvelen begint te midden van wolken stof, zoo +dicht, dat de goden van den Olympus ze vurig zouden hebben begeerd, +als het hun lustte, op de aarde neer te dalen. Helaas, wat zouden ze +hier nu nog te doen hebben, nu ze zooveel reden hebben, om boos op +ons te zijn! + +Nog wat knarsend wielgeratel, en links verschijnt op de rotsen, +waar ook niet het kleinste mosplantje groeit, de allerdecoratiefste +ruïne, die men zich kan denken, juist geschikt, om de etsnaald van +den kunstenaar aan het werk te zetten. Het is het oude kasteel van +San Cervantes met zijn zware, onvriendelijke muren, waar de zon van +tallooze zomers op heeft gebrand. + +Nu rijst het nog boven de Taag op, maar vroeger verdedigde het de +rivier. Een vertooning van oorlog en machtsbesef is het gebouw geweest, +thans door den tijd gebroken. + +Ook San Cervantes is door dichters bezongen. + +"Gij, die u naast Toledo verheft, koning Alfonsus stichtte u aan +de Taag. Er wordt verteld, dat gij ijzer steldet tegenover de houten +oorlogswerktuigen van uwe vijanden.... En nu, nu staat gij daar veracht +op die kale rots; uwe kasteelen, die u eertijds tot een kroon dienden, +zijn thans zitplaatsen voor troepen kraaien en zien er uit als eenzame +tanden in den mond van een grijsaard, zeggend, hoe oud hij wel is. + +"Luister naar mij, gij stout kasteel, en volbreng, wat ik van u vraag, +hoewel twee dozijn verzen juist geen belooning verdienen. Indien mijn +geliefde, die boos is als de hel en schoon als de hemel, of beter +nog gezegd, die trotsch is als de stad Toledo, uitgaat, om van de +bloeiende amandelboomen te genieten, als zij dan van het water van de +Taag een spiegel maakt voor haar schoonheid, stel haar dan uw ruïnen +tot voorbeeld en vertel haar, zonder te spreken al die duizend dingen, +die gij zoo goed weet...." + +Het oude kasteel is niet alleen door dichters bezongen; zijn legenden +en zijn histories van strijd en liefde, vol van ridderlijkheid, +zijn gewijd door den romancero. + +Koning Alfonsus had zich verwijderd aan de spits van een dapper leger +en liet het opperbevel over Toledo over aan Bérangère, die door afkomst +een der edelste vrouwen uit het rijk was, door huwelijk tot koningin +was verheven en om hare schoonheid toch reeds souvereine was. + +De Mooren, die er van onderricht waren, dat de stad door haar +verdedigers verlaten was, snelden toe; maar vóór ze over de Taag +trokken, moesten ze het kasteel veroveren, dat aan den ingang zich +verhief. + +Toen beklom de koningin een der torens van het Alcazar, en met +verwoede oogen zag ze, welk gevaar het handjevol dapperen liep, +dat in het fort was opgesloten en dat weldra onder de slagen der +opdringende ongeloovigen zou bezwijken. + +En daar komt tot de Mooren de heraut van koningin Bérangère. Zij laat +op een toon van verwijt zeggen: + +"Is het niet laf van u, een zoo zwakken vijand aan te vallen? Indien +gij zoo dapper zijt, als gij de menschen wilt doen gelooven, gaat dan +heen en valt koning Alfonsus aan, zijn echtgenoot en zijn christenen +onder de muren van Carelië." + +De bevelhebber der Mooren was door dit verwijt vernederd, en hij wist, +dat de koningin zeer schoon was. + +"Laat dan boven van het meest nabijzijnde bolwerk Donna Bérangère +ons haar gelaat ongesluierd vertoonen, en ik zal het beleg opheffen." + +Tegen zonsondergang verscheen de koningin en stond op het muurwerk +met ongesluierd gelaat, omringd door haar jonkvrouwen in prachtige +gewaden, schooner dan de opkomende maan te midden der eerste sterren, +die aan den hemel schitteren. + +De Moorenvorst zag haar lang aan, en groette haar met de teekenen +van den grootsten eerbied. + +Bij het aanbreken van den morgen brak hij met de zijnen het beleg op +van het kasteel en sloeg den weg naar Carelië in. + +In den tijd van Lope de Vega was het oude kasteel, dat ongebruikt +stond, zoo verlaten en eenzaam, dat personen van hoogen rang, die om +eerezaken genoodzaakt waren te duelleeren, elkaar onder zijn muren +rendez-vous geven. In het aardige blijspel, getiteld "Beminnen, zonder +dat men weet wie", moet de held van het stuk er tot getuige dienen in +een van die duels, die in dien tijd zoo veelvuldig waren. Als het niet +uit de mode was, zou men er nu nog wel, zonder vrees voor stoornis +te moeten hebben, zulke tragische conflicten kunnen uitvechten. + +Nadat wij een kudde buffels waren tegengekomen van zeer mooien bouw +en zwart als de duivel, wel te verstaan, als de duivel zeer zwart is, +reed mijn rijtuig over de brug van Alcantara, die aan beide zijden +is afgesloten door twee versterkte poorten met het wapen van het +huis Oostenrijk. + +Van dit punt gezien, ziet de Taag er zeer dreigend uit, en in +de diepte der kloof, waarin ze stroomt, schijnt de rivier de stad +Toledo te omstrengelen, als om haar te verstikken, eerder dan om haar +in liefhebbende armen op te nemen. Zonder twijfel heeft de eene of +andere hemelsche Durandal die bedding in de rotsen uitgehold dwars +door den berg heen en de steile rotsen boven het slijkerige water +afgeslepen. Ik hef de oogen op, en daar omhoog staat op den top der +rotsen, als een kostbaar juweel, gevat in ijzer, de stad der gothische +concilies, de oude hoofdstad van Nieuw-Castilië. Onder de lompen van +haar aziatische kleêren slaapt de sombere, kloosterachtige stad, +juist als in de Middeleeuwen en dat op slechts twee uren afstands +van het levende, vroolijke Madrid. Zulk een snelle reis door veertien +eeuwen heen is verwarrend voor den geest, en een langdurig verblijf +is noodig, om iemand van den schok te doen bekomen. + +Als men de tweede poort is doorgegaan, en onder de waakzame oogen der +douaneambtenaren is gepasseerd, komt men op een weg, die sterk helt +en den naam draagt van Cuesta del Carmel. Het is de ontaarde zoon +van een nog steileren weg, die dicht langs de kerk Cristo de la Luz, +een zeer oud en eerwaardig monument, voorbij ging. + +Het is ongeveer zeven eeuwen geleden, dat Alfonsus de dappere +binnen Toledo verscheen, dat hij juist had bevrijd van het juk der +ongeloovigen, en dat hij naast zich had den Cid Campeador. Toen +werden de blikken der beide helden plotseling aangetrokken door een +zacht licht. De wanden van het oude heiligdom hadden zich geopend, +een hemelsche muziek liet zich hooren, en de lamp der christelijke +kapel, die sedert 369 jaren niet opgehouden heeft te branden, ofschoon +niemand zorg er voor heeft gedragen, schittert voor de verrukte oogen +der zegevierende krijgers. + +Alfonsus en de Cid stegen van hun paarden, knielden neer en gaven +bevel, dat men in het aan den eeredienst teruggegeven heiligdom een +heilige mis zou opdragen. + +Bekoorlijke droom van vrome zielen. Daaraan heeft dit kleine gebouw +zijn naam te danken van El Cristo de la Luz. + +De bouwmeesters hebben druk beraadslaagd over de vraag, tot welken +tijd men moet opklimmen om den datum vast te stellen van het oudste +deel van de kapel. Enkelen van hen hebben er een uiting in willen +zien van arabische kunst uit een zeer primitieve periode, ongeveer +vallend in den tijd der sarraceensche verovering. Zij wilden er +ook een prototype in zien van de vermaarde moskee van Cordova. Het +vierkante grondplan, de zijbeuken met de ijzeren bogen en de zuilen +van zeer grove bewerking kunnen wel tot steun dienen van hun theorie, +maar geven daaromtrent toch geen zekerheid. + +Er zijn nog zoo laat als 1871 frescoschilderingen ontdekt, voorstellend +de heilige martelaren van Toledo, en waarschijnlijk afkomstig +uit de twaalfde eeuw. Zij kwamen voor den dag door het vallen van +brokken der kalklaag, die ze bedekte. Zij behooren thuis in een tijd, +toen de Ridders van Sint-Jan op die door een wonder aangewezen plek +een afdeeling van hun Orde stichtten. Ter aanvulling dient ook nog +gesproken van de tweede kapel, gebouwd in 1842 door kardinaal Mendoza, +en die eigenlijk zou moeten worden weggenomen, om aan het oude gebouw +zijn oorspronkelijk karakter terug te geven. + +Een weinig hooger dan Cristo de la Luz staat, trotsch en eenzaam als +een triomfboog, de wondermooie Puerta del Sol. De steenen van die +poort, die zoo lang door de zonnestralen zijn gebrand en verguld, +lachen den reiziger toe. Wat is zij vaak in proza geprezen, in verzen +bezongen en op allerlei manieren verheerlijkt! Zelfs de Taag zou +reden kunnen hebben, daarop jaloersch te zijn. + +Ik herinner mij, dat ik vroeger eens onder hare bogen ben +doorgegaan. Tegenwoordig loopt de rijweg er langs, zeker opdat men +de poort beter zou kunnen bewonderen, en mogelijk ook om een zachtere +helling te geven aan een weg met een zeer druk karrenvervoer. Het is +inderdaad altijd vol op de Cuesta del Carmel, en soms heeft men moeite, +zich een weg te banen door de troepen ezels, die aan de rivier water +gaan halen, want Toledo, dat op een rots is gebouwd, schijnt bijna +even dorstig als de Manzanares zelf. + +Het is niet sinds gisteren, dat men er van droomt, de zoete +wateren van de geliefde Taag omhoog te voeren tot aan de lippen der +stedelingen. Het gelukte reeds aan Karel IV. Daar hij altijd veel +belang stelde in mechanica, en, zooals men zich zal herinneren, +langen tijd ontstemd was, doordat een zeker aantal klokken niet +juist gelijktijdig wilden slaan, belastte hij een ingenieur uit +Cremona, Juanilo Turriano geheeten, met het oplossen van de vraag der +watervoorziening. De Italiaan stelde een hydraulisch toestel samen, +dat door de tijdgenooten met meer geestdrift wordt verheerlijkt, +dan dat het met juistheid wordt beschreven. Alvarez de Colmenar, +die in de vorige eeuw leefde, spreekt er over naar hooren zeggen, +want het bestond niet meer in zijn tijd. Het schijnt een soort van +besproeier te zijn geweest. + +"De Machine van Juanilo bestond uit groote ijzeren vaten, die aan +elkander bevestigd waren en een soort van ketting vormden, die van het +kasteel naar de Taag afdaalde; het water kwam in den eersten binnen, +werd dan in den tweeden gedreven door raderen en zoo achtereenvolgens +in de andere tot bij het slot, waar het in een vergaarbekken werd +opgevangen en zich door de geheele stad verspreidde door een kanaal, +hetgeen een groot gemak opleverde." + +Juanilo stierf in 1585, en zijn machine, door een joodschen +werktuigkundige verbeterd, werkte nog vier en twintig jaren, maar +toen ook die man was gestorven, stond ze voor altijd stil. + +Buiten enkele bogen van het metselwerk vindt men niets terug van het +werk van den ingenieur; maar de italiaansche vervaardiger gaat nog +tegenwoordig in de stad door voor een toovenaar, in staat, de natuur +en de bovennatuurlijke wereld aan zijn wil dienstbaar te maken. + +Juanilo, die onderhouden werd op kosten van het kapittel der +kathedraal, had een automaat vervaardigd, die elken dag op een vooraf +vastgesteld uur uit zijn huisje trad, zich dan met onverstoorbare +kalmte naar de keuken der kanunniken begaf, daar in een mandje den +maaltijd voor zijn meester ontving, den kok eerbiedig groette, dan +op zijn hielen omdraaide en zonder de minste onbescheidenheid of +de allergeringste gulzigheid dadelijk naar de woning van zijn heer +terugkeerde. De straat, waar hij door moest, heet nog de Straat van +den Houten Man. + +Eindelijk is de hoogte bereikt, en mijn rijtuig houdt zijn plechtigen +intocht op het Zocodoverplein. Zocodover! Welk een deftige en verheven +naam, ofschoon hij eenvoudig beteekent de Paardenmarkt, en wat schijnt +hij goed te passen bij de heldenherinneringen van de keizerlijke +stad! Op dit plateau was het wapenplein, waar de krijgers samenkwamen, +vóór ze uittogen op een veldtocht; hier speelden de ridders bij de +plechtige intochten der katholieke koningen; hier vereenigden zich de +Communero's, die aangevuurd werden door de groote Maria de Padilla; +hier werd de rechtbank opgeslagen, waarvan de aartsbisschop van Toledo, +primaat van Spanje, rechtens Groot-Inquisiteur was. Alle souvereinen +van Spanje, alle beroemde mannen, moesten hun beeld vinden op den +Zocodover, want bijna allen hebben dien grond betreden. + +Als men thans het plein aanschouwt, vervliegen alle wonderbaarlijke of +tragische herinneringen! Het Zocodover is niet anders dan een banaal, +onregelmatig plein, waar de armoedige en karakterlooze huizen door +ruwe zuilen worden gesteund. Onder de zoo gevormde portieken verkoopen +bescheiden kooplui meloenen, sandalen en couranten. + +Op een ronde steenen bank liggen, slapend of rookend, bedelaars, die +onbeschrijfelijk vuil zijn en fier schijnen te wezen op hun lompen. Ze +doen maar hazeslaapjes, want ze kijken uit naar elken vreemdeling, +die op het plein verschijnt of aan den ingang van de Handelsstraat, +die naar de kathedraal voert. Deze fraaie gewoonte dateert niet +van gisteren. + +In een van zijn verhalen vertelt Cervantes van de ontelbare menigte +bedelaars, valsche gebrekkigen en zakkenrollers, die dezen uitverkoren +observatiepost innemen. Hij kon ze naar het leven schilderen uit zijn +nabijzijnde woning. Er verandert niets in dien mooien zonneschijn +van Spanje, die een mensch tot luiheid geneigd maakt en den geest +verstompt. + +Indien men eenige dagen te Toledo blijft, doet zich het moeilijke +probleem voor, of men al of niet aalmoezen moet geven, waar er met +zooveel aandrang om gevraagd wordt. Zult ge een klein beetje goeden +wil toonen? Goed, maar onmiddellijk zijt ge bekend, en ge zult niet +kunnen uitgaan, of dadelijk hechten zich vijftig vuile handen met +haakvingers aan uw kleêren, zien u onderzoekend honderden oogen aan +en waagt men het, den onderzoekingstocht tot in uw zakken voort te +zetten, om daar ... pikante herinneringen achter te laten. + +Houdt ge u doof, dan wordt ge toch gevolgd, bedrongen en met +scheldwoorden bovendien overladen onder het vaderlijk oog van een +politieagent, wiens hart de bedelaars hebben weten te verteederen. + +Dus is het probleem onoplosbaar. Is men eenmaal tot dat besluit +gekomen dan gaat men de dieven te slim af worden en men doet een +wandeling door den dichten doolhof van straatjes en steegjes, die de +stad doorsnijden, en waar het stil en rustig is. Soms loopt men op +die smalle verkeerswegen, waar een beladen muilezel beide muren raakt, +gevaar, verpletterd te worden, en er moet vlug een schuilplaats worden +gezocht in een inspringend gedeelte van een huis, om niet te worden +platgedrukt. Maar welk gevaar zou men niet willen loopen, om maar niet +de Handelsstraat binnen te gaan en in handen der bedelaars te vallen! + +Het gebeurt wel eens, dat men in die bochtige straten antieke koetsen +tegenkomt, verschijnend uit de monumentale ingangen van oude paleizen, +en de zaak krijgt een tragischen kant, als twee rijtuigen zonder +elkaar op te merken, van beide einden dezelfde straat inrijden. Het +eenige redmiddel is dan af te spannen en den wagen met de handen +terug te schuiven. + +Maar wie moet uitspannen? Wie zal achteruitgaan? Ernstige vraag in +een land, waar het gevoel van eer een eeredienst is geworden, en waar +de bewustheid van eigen waardigheid nog eerder dan het geloof bergen +zou verzetten. + +Het is ... een zeker aantal jaren geleden, dat er een beroemd +geworden ontmoeting plaats had tusschen de koets van de echtgenoote +van den President van den Raad van Castilië en die der vrouw van den +President van den Raad van Indië. Door bemiddeling van de palfreniers +hadden de dames de onderhandelingen gevoerd, zonder dat ze elkaar +konden overtuigen. Geen van beide wilde teruggaan. Al meer dan drie +uur stonden de paarden neus aan neus, en de koetsiers scholden op +elkaar. Bij gebrek aan een Salomo, die al eenige jaren dood was, en bij +ontstentenis van de scheidsrechters in den Haag, die nog niet waren +geboren, stelde een goede ziel, die zich het ernstige geval aantrok, +voor, haar te onderwerpen aan het oordeel van den Kardinaal en zich +aan diens beslissing te onderwerpen. + +"Hier bestaat in het geheel geen moeilijkheid," zeide de prelaat, +volkomen op de hoogte van vraagstukken van étiquette, "de jongste +van de dames moet aan de andere den doorgang vrij laten." + +Nauwelijks was deze beslissing aan de partijen meegedeeld, of uit de +beide koetsen hoorde men terzelfdertijd het formeele bevel: + +"Span de paarden uit en ga terug; ik wijk voor de Presidente van den +Raad van Castilië. Zooals Zijne Eminentie terecht zegt, geeft haar +leeftijd haar daar recht op." + +"Ga zoo spoedig mogelijk achteruit; ik laat den voorrang aan de +Presidente van den Raad van Indië; zooals Zijne Eminentie terecht +heeft beslist geven haar jaren haar aanspraak op die eer." + +Ik heb geen dergelijke ervaring opgedaan, want ik stapte af in een +echt spaansche herberg, een fonda, waarvan de deur in prachtig snijwerk +allerlei wapens vertoonde en uitkwam aan de breede straat, die van het +Zocodover naar het Alcazar voert, 't Is een paleis, dat er heel mooi +moet hebben uitgezien, vóór het voorplein of de patio ter hoogte van +de eerste étage overdekt is geworden, om er een eetzaal van te maken. + +Magnifieke deuren, zwaar en massief als die van een kathedraal, +voorzien van sleutels van een armslengte, gaven toegang tot de +kamers. De mijne was dubbel, dat wil zeggen, voorzien van een +alkoof, die zeer groot en zorgvuldig afgesloten was, en waar niet +alleen twee reuzenbedden stonden, maar buitendien alles, wat tot de +waschbenoodigdheden behoort, te vinden was. Noch geluid, noch licht, +noch warmte zouden daar kunnen binnendringen, zelfs al zouden er +honderd menschen zich op de patio bevinden, en al zond de zon van het +zenith haar stralen naar omlaag. En hier besteeg weldra mijn geest +zijn geliefd ros, dat mij dezen keer snel wegvoerde naar Sjiras en +Zasjan. Want is ook niet aldus in de rijke perzische huizen elke +kamer samengesteld uit drie achter elkaar gelegen vertrekken, waar +het al koeler en geheimzinniger wordt, en die men al of niet bewoont +naar het seizoen of zelfs naar het uur van den dag? + +Ik was ongeveer twintig jaren geleden in Toledo geweest en sinds +dien tijd had ik er altijd spijt van gehad, dat ik de stad alleen +als toeriste had gezien. Nu moest ik mijn verzuim goed maken. + +Maar hoe zou ik methodisch kunnen te werk gaan in deze stad van helden, +waar alle beschavingen van Spanje vertegenwoordigd zijn geweest en waar +elk van haar sporen heeft nagelaten? Toledo in wijken verdeelen, zou +dat niet zijn, alles door elkander mengen en alles tegelijk overhoop +halen? Daar zij op een niet zeer groot plateau is gebouwd, heeft de +stad zich niet ver kunnen uitbreiden of verplaatsen, zoodat zoowel +in het Noorden als in het Zuiden, in het Oosten als in het Westen de +heerschers hun paleizen en hun tempels hebben gebouwd. Zal het niet +beter wezen, door de eeuwen heen, van stap tot stap het zedelijk en +godsdienstig leven en de kunstuitingen te volgen, dan zonder overgang +tot de bestudeering over te gaan van monumenten, die soms vier of +vijf eeuwen van elkander in leeftijd verschillen? + +Ik heb een besluit genomen in laatstbedoelden zin, ook al op raad +van mijn geleerden vriend, professor Ventura Prosper y Reyes, dien +geheel Toledo hoog vereert om zijn talenten en zijn ongeëvenaarde +goedheid. Geen deur blijft voor hem gesloten, als hij vraagt om te +worden binnen gelaten en den magischen groet uitbrengt, die nooit +uit een zondigen mond wordt gehoord, "Ave Maria purissima", waarop +geantwoord wordt met een "Sin pecado concebida" en een vriendelijken +glimlach. + +Na het bezoek aan de kapel van Cristo de la Luz en aan de in een winkel +veranderde overblijfselen van de oude moskee der Torneria moest volgen +het bekijken van de oude synagogen, bekend onder den naam van Santa +Maria la Blanca en Transito. Als men de israëlietische families mag +gelooven, door de vervolging al sinds vijf eeuwen naar de overzijde der +straat van Gibraltar teruggedreven, zouden de Hebreeërs in Spanje zijn +gekomen na de vernietiging van Jeruzalem door Titus. Allen, die aan de +gevangenschap konden ontkomen, volgden de kusten der Middellandsche +Zee en aarzelden niet, om de zee over te steken, ten einde zich +in het vruchtbare Andaluzië te vestigen. Men is niet gehouden, deze +overlevering als een geloofsartikel aan te nemen. De eerste vermelding +van de spaansche joden klimt op tot de vierde eeuw en komt voor in +een zeer onvrijzinnig besluit. Daar er onder de joden een krachtige +geest van initiatief was te vinden en groote werkzaamheid, namen zij +toe in rijkdom en daar zij zich sterk vermenigvuldigden, kregen zij +een voorsprong op de Westgothen, die lui en zorgeloos waren. Maar +toen de arische heerschers tot het orthodoxe geloof waren overgegaan, +begon de geest van vervolging vaardig over hen te worden. Een wreede +wet veroordeelde het gansche jodenvolk tot slavernij. Montesquieu kon +zonder veel overdrijving de opmerking maken, dat het gothisch wetboek +in principe alle voorwendsels bevatte, waarvan later de Inquisitie +en de vorsten uit de veertiende eeuw gebruik maakten in hun strijd +tegen de Israëlieten. + +De verovering van Spanje door de Mohammedanen was een weldaad voor de +Joden. Zij muntten uit in kunst en wetenschap; zij monopoliseerden +het bankwezen en waren zoowat de eenigen, die aan geneeskunde deden +en medicijnen verkochten. De scholen van Cordova, Toledo en Barcelona +telden hen onder hun beste leerlingen. Zelfs verkregen ze in dien tijd +zulke hooge betrekkingen, dat men ze na de bevrijding der Mooren er +niet weer uit durfde ontzetten. + +Men ontmoet een menigte joodsche namen onder die van geleerden en +financiers uit den tijd en aan de hoven van Alfonsus X, Alfonsus XI, +Hendrik IV en vele andere christelijke vorsten. Alfonsus de Wijze +gebruikte hen voor de samenstelling van zijn beroemde astronomische +tabellen; Jacobus I van Arragon had een Israëliet tot leermeester; +Johan II, vader van Isabella de Katholieke, droeg een van hen op, +de liederen te verzamelen, die het Cancionero nacional vormen. + +In dezen tijd richtten de Joden uit Toledo de beide synagogen op, +die een zoo gunstig getuigenis afleggen voor hun smaak en voor hun +rijkdom. De kerk, die den naam draagt van Santa Maria la Blanca +is de oudste van de beide heiligdommen. Zij heeft tot 1405 haar +oorspronkelijke bestemming behouden. Maar op dat tijdstip kwam +Vincentius Ferrer, wiens heftige bekeersijver zooveel Israëlieten tot +het Christendom had bekeerd, in Toledo het Evangelie prediken. Hij +preekte verscheiden malen per dag in Santiago de Arabal, een kerk +dichtbij de Visagrapoort, waar men u nog zijn preekstoel kan laten +zien, die een wonder is van fijn smeedwerk. Maar de joden van Toledo +gingen naar de preek, doch werden niet bekeerd. Gewend aan de zachtheid +en meegaandheid der Andaluziërs, werd Vincentius Ferrer boos om de +mislukking van zijn pogingen. Op een avond, toen het christelijk +gehoor talrijk was en vol geestdrift, kwam de monnik, die door zijn +eigen woorden buiten zichzelven was geraakt, van den preekstoel +naar beneden, greep een kruis, sleepte zijn geheele schare mee, +die aangroeide bij het trekken door de stad, trad met geweld in de +synagoge binnen, dreef de rabbijnen eruit, en wijdde het gebouw voor +den christelijken eeredienst onder het aanroepen van Santa Maria la +Blanca, ter herinnering aan een wonder, dat in Rome was voorgevallen +in 152 onder het pontificaat van den H. Liberius. + +Sedert die transformatie heeft de oude synagoge nog menige lotwisseling +beleefd. In 1550 werd het gebouw door den kardinaal aartsbisschop +Johan Siliceo vergroot, en er werden enkele gebouwen bijgevoegd. Hij +maakte er vervolgens een soort van Bagijnenhofje van voor boetvaardige +vrouwen en meisjes. Maar hetzij dat de toledo'sche vrouwen alle +deugdzaam waren, of dat ze, zooals een sceptisch schrijver opmerkt, +zelden zich berouwvol voelden, het Bagijnenhof kwam nooit tot bloei en +moest eindelijk worden gesloten bij gebrek aan Bagijntjes. Santa Maria +la Blanca, nu verlaten en ongebruikt, zou afgebroken zijn geworden, +als men niet besloten had er troepen te herbergen en er later een +militair magazijn van te maken. + +Nog slechts even dertig jaren geleden is dat wonder van bouwkunst +door de Commissie voor de historische Monumenten opgeëischt. Sinds +dien tijd heeft men het gebouw een belangrijke restauratie kunnen +doen ondergaan, dank zij een jaarlijksche subsidie der regeering en +den inkomsten, gevormd door de entrées van de vreemdelingen. + +Het uitwendige heeft niet veel bekoorlijks of sierlijks, maar pas is de +deur geopend of men ziet in hun geheel vijf kerkbeuken, verdeeld door +drie rijen achthoekige pilaren, waar bogen op rusten. De kapiteelen, +met gebeeldhouwd stuc versierd, herinneren door hun prachtige fijnheid +en door den aard van het ornament aan hun prototypen, nog bewaard +in sommige oude perzische moskeeën. In de boogruimten zijn rijke +rozetten aangebracht, terwijl langs het astragaal zich een slinger +windt van ineengevlochten bladeren met pijnappels er tusschen, zooals +men ook vindt in de versieringen van het Alhambra en die opklimmen +tot den tijd van het Kalifaat. Een rijk houten plafond, ingelegd met +parelmoer en ivoor, bedekt het hoofdschip en geeft aan dit gedeelte +van het gebouw groote sierlijkheid. + +De Joden konden niet protesteeren tegen den roof aan hen gepleegd; +zij onderwierpen zich en kwamen later samen in een grootere en mooiere +synagoge, gebouwd door Samuel Levy, den beroemden schatmeester van +Peter den Wreede, volgens de plannen van den rabbijn Don Meir Abdeli, +en voltooid in 1336. Zij hielden er hun godsdienstoefeningen tot +1492, het jaar, dat tegelijk zoo roemvol en zoo verschrikkelijk was, +waarin Isabella Granada innam, waarin de Nieuwe Wereld werd ontdekt, +en door een hand in onbedachtzaamheid het decreet werd geteekend, dat +Spanje beroofde van 120,000 ijverige, intelligente en welvarende Joden. + +De synagoge van Samuel Levy onderging op haar beurt het lot van haar +voorgangster en werd een christenkerk onder den naam van Transito de +Nuestra Senora. Het gebouw vertoont de weelde, die in harmonie was +met den rijkdom van den stichter en is een der mooiste voorbeelden +van de arabische kunst in Andaluzië. Het bestaat uit één enkel +schip, overdekt ter hoogte van veertien meter door een merkwaardig +schoone zoldering van lorkenhout, ingelegd met ivoor en parelmoer, +als die van Santa Maria la Blanca. Op de muren ziet men zeer fijne +stucornamenten, zoo sierlijk en elegant, dat men ze op het eerste +gezicht voor teedere venetiaansche kant zou houden, die sinds eeuwen +daar was blijven hangen. In het bovengedeelte, waar fraaie vensters +zijn aangebracht, leest men tusschen bloemen en lofwerk een prachtig +opschrift in hebreeuwsche letters. Daarin wordt de lof gezongen van den +stichter der synagoge, Samuel Levy en van Don Pedro, den regeerenden +vorst. Toen de waardige schatbewaarder ter dood veroordeeld werd door +een meester, die inhalig en afgunstig was, moest hij uit den grond +van zijn hart het geld betreuren, dat hij besteed had aan het koopen +van zijn beul. Het opschrift heeft intusschen weerstand geboden aan +den tijd, en aan zijn hooge plaatsing is het toe te schrijven, dat +het de woede der Christenen heeft kunnen tarten en hen heeft kunnen +uitdagen in den tijd, toen ze de synagoge tot Christenkerk wijdden. + +Thans wordt het schip der kerk door een reusachtig steigerwerk +met opeenvolgende zolderingen, waarheen trappen toegang verleenen, +verdeeld in verscheiden verdiepingen, zoodat het moeilijk wordt, de +schoonheid van het geheel te waardeeren. Toch is het mogelijk, enkele +prachtige fragmenten te bewonderen, den tempel in zijn groote lijnen +te reconstrueeren, en in te zien dat, als de ondernomen restauratie +op de nu begonnen wijze wordt voortgezet zij mogelijk wel een halve +eeuw kan duren, maar dat ze tenminste wordt uitgevoerd met echte +kennis van zaken en een onvergelijkelijk helder inzicht in wat aan +zulk een kunstwerk toekomt. + +Rondom het Transito, waar het paleis van Samuel Levy dichtbij was, +en in de buurt van Santa Maria la Blanca. is de oude jodenwijk +geweest. Helaas, op die plek, waar het volk van Israël een toevlucht +voor goed had hopen te vinden, ziet men nu slechts puin en stof. Welk +een droeve uittocht is dat geweest van dat ongelukkige volk, dat +den grond moest verlaten, waar het sedert eeuwen woonde, en binnen +enkele maanden al zijn goederen te gelde maken, zonder dat het de +kleine hoeveelheid goud mee mocht nemen, die er de belachelijk lage +prijs voor was! + +Aan den voet van de beide synagogen daalt de bodem af naar een vlakte +aan de Taag, die soms door de rivier wordt overstroomd, als ze buiten +haar bedding treedt. De woningen zijn er weinige; maar een huis, +dat hooger was dan de andere en er wat welvarender uitzag, trok mijn +aandacht. Op den voorgevel en op meer dan acht meter hoogte was er een +groote steen in aangebracht, waarop een in zwart gegraveerd opschrift +te lezen was, dat mij vertelde, dat de Taag tot hier gestegen was +bij een hoogen vloed, die beroemd was gebleven. + +Verbaasd, vroeg ik aan een vrouw om inlichting, die op de stoep van +haar huisje haar kind het haar kamde. + +"Wel, wel! Komt het water der rivier soms tot zulk een hoogte?" + +"O, neen!... De hoogste vloeden zijn nooit hooger gekomen dan een paar +meter, en dat is waarlijk al hoog genoeg!... Maar toen de kinderen +altijd met ballen tegen het opschrift gooiden en het dreigden te +bederven, heeft de alcade ons bevolen, het buiten hun bereik te +plaatsen." + +Nadenkend over de wijsheid en voorzichtigheid van dien uitgezochten +ambtenaar, wandelde ik voort tot aan de Visagrapoort, een massief +bouwwerk, dat tot den tijd van Karel V opklimt, en door zijn nauwheid +een groote last is voor de muilezeldrijvers. + +Ergens anders zou men zulk een sta-in-den-weg opruimen, maar te Toledo +heeft men eerbied voor het verleden, zooals de voorzorg bewijst, die +er genomen wordt om de herinnering aan een overstrooming te bewaren. + + + +II. + + De Taller del Moro en de salon van het Casa de Mesa.--De + pupillen van bisschop Siliceo.--Santo Tomé en het werk van + Green. De moskee van Toledo en koningin Constantia.--Juan + Guaz, de eerste bouwmeester van de kathedraal.--Wat er + veranderd en aan toegevoegd is.--Herinnering aan den slag + van las Navas.--Het graf van kardinaal Mendoza.--Isabella de + Katholieke en haar testamentaire beschikking.--Ximenes.--Alvaro + de Luna.--De vaandeldrager van Isabella in den slag van Toro. + + +"Ik heb veel huizen gezien, veel leêgloopers en, in de straten, de +rijke zoowel als de arme, hoopen vuil. Ik heb den hemel aanschouwd +door venstertjes, zoo klein als schietgaten, en er is mij verteld, +dat een vriendelijk gezicht dikwijls het masker is van den snoodaard, +dat de perziken in den zomer rijp worden en dat er in den herfst +muskieten zijn." + +Deze beschrijving van Toledo, die in het midden van de zeventiende +eeuw gegeven is door den hoofschen Garcia de la Chataigneraie in het +beroemde drama Francisco de Rojas, past nog volkomen, en als men bij +het vuil ook nog allerlei puin voegde, zou men er geen tittel of jota +aan behoeven te veranderen. + +De monumenten, die opgericht zijn in den loop der drie eerste eeuwen, +volgend op de herovering, en die den mudejarstijl of den mozarabischen +vertoonden, hebben het meest geleden, of doordat de booze mode het +zoo heeft gewild, of doordat de versieringen onsterk en niet duurzaam +waren. Ik heb dien stijl in Saragossa bestudeerd, met zijn moorsche +en gothische motieven dooreengemengd. + +Zoo staat het met het prachtige paleis aan de Calle del Moro. Men stapt +een poort binnen en komt in een verwilderden tuin, waaromheen vele +arbeidersgezinnen wonen. Zij hebben hun schamele woningen aangeleund +tegen de nog sterke muren, en den rijkdom afgebroken om de armoede +plaats te geven. Van dit groote gebouw is slechts een zaal van mooie +afmetingen over, met een prachtige zoldering, gelijk aan die van +het Transito. Het bovengedeelte der muren, dat niet bereikbaar was, +noch voor den hamer van den werkman, noch voor het speeltuig van de +kinderen, is versierd met zeer lijn pleisterwerk. + +Die schoone zaal, waaraan ter weerszijden twee kleiner vertrekken +grenzen, heeft langen tijd gediend tot bergplaats voor de steenen, +die voor het onderhoud der kathedraal noodig waren, en heeft naar die +bestemming den naam gekregen van Taller del Moro, dat is werkplaats +van den Moor. In de laatste jaren is het een gewone remise geworden. + +En toch is eenmaal dit paleis bewoond geweest door Karel V. Er wordt +verteld, dat de erbij behoorende tuinen ineen liepen met die, welke +de woning omgaven van graaf Fuensaline, waar de echtgenoot van den +grooten keizer stierf, die sombere Isabella van Portugal, de moeder +van Filips II, wier door Titiaan geschilderd portret ons haar zachte +trekken heeft bewaard onder de fijne, zijdeachtige blonde haren. + +Een ander voorbeeld van den eigenaardigen stijl, die ontstond uit +de vereeniging van de kunst van het Oosten met die van het Westen, +maar een dat veel kleiner is en in uitstekenden staat is gebleven, +is het salon van de Casa de Mesa. Ook dat heeft den mudejarstijl. + +Het pleisterwerk, bij de bekleeding aangebracht, heeft veel +overeenkomst met de versieringen van het Transito, dat in 1366 werd +opgericht, maar het gelijkt nog meer op de ornamenteering van het +paleis van Ayala, dat van 1440 dagteekent. Het is dus niet gewaagd, +te veronderstellen dat het gebouw tot stand kwam in de XVde eeuw. + +In 1551 vestigde de aartsbisschop Don Juan Martinez Siliceo er +een inrichting van onderwijs onder den naam van Collegio de las +Doncellas virgineas. De jonge meisjes, honderd in getal, werden +er slechts toegelaten, nadat ze bewijzen hadden bijgebracht, niet +alleen van haar kwartieren van adel, zooals men bij vergissing wel +heeft gezegd, maar van volkomen zuiverheid van bloed, wat nog heel +iets anders is. Om zuiver bloed te hebben of oud christenbloed, moest +men onder zijn verst verwijderde voorouders noch een jood, noch een +Arabier, noch een door de Inquisitie veroordeelde hebben van vaders- +zoo min als van moederszijde. Cervantes voegt er zelfs bij, en dat is +logisch, dat er een onafgebroken en bewezen wettige afstamming moest +bestaan. Natuurlijk was men niet zoo streng in zake het laatste punt +als in zake het eerste. + +De pupillen van den aartsbisschop Siliceo werden tusschen zeven en tien +jaar in zijn school toegelaten. Zes plaatsen werden open gehouden +voor kinderen van de familie van den stichter. Zeer belangrijke +sommen werden haar levenslang uitgekeerd, als ze in de inrichting +bleven. In geval van een huwelijk ontvingen ze een bruidschat van +5535 realen; maar geen enkel gunstbewijs viel haar ten deel, als ze +de school verlieten om in een klooster te gaan, daar het hoofddoel +van den stichter was, goede en flinke huismoeders op te voeden, die +bekwaam waren in huishoudelijke zaken en in staat, een huishouding +goed te besturen. + +In 1810 ging de Casa de Mesa over in het bezit van de Karmelieters, +die van den grooten salon hun kapel maakten. Aan hen is het uitstekend +behoud van die zaal toe te schrijven. Zij behoort thans aan iemand, die +ervoor zal zorgen, dat het interessante gebouw veilig en ongeschonden +blijft. + +Behalve de bekende gebouwen zijn er nog een groot aantal arme woningen, +waar men interessante fragmenten van den ouden bouwstijl vindt. Om +die te zien te krijgen, moet men zich niet wenden tot de gepatenteerde +en zoogenaamd officiëele gidsen; liever moet men een bewonderaar van +de ruïnen van Toledo volgen, en met hem doordringen tot de patio's +en stallen, welker eigenaars de opvolgers zijn van Peter den Wreede +en der groote heeren van diens hof. + +Terwijl de mozarabische metselaars en bouwmeesters in de verschillende +wijken der stad Toledo paleizen van den adel deden verrijzen, droeg +de geestelijkheid hun den bouw van kerken op. De meeste zijn verwoest +geworden door den ijver der priesters, die ontijdig smaak kregen in +een nieuwen stijl. San Justo, San Juan de la Penitencia, San Roman, +San Pedro Martyr, San Miguel, Santa Leocadia, het klooster van de +Ontvangenis en Santo Tomé hebben er nog een en ander van bewaard. Hier +is nog een toren in den vorm van een minaret te zien als een protest +tegen de verandering der kerken, die oudtijds onder hun hoede +waren geplaatst, daar is een fries of een plafond te bewonderen, +waar de technische bekwaamheid en de wetenschap der bouwmeesters +uit blijken. Al die kerken zijn een bezoek overwaard; maar Santo +Tomé bevat twee meesterwerken, die haar een eereplaats doen innemen, +namelijk het veelkleurig standbeeld van den profeet Elia, waarvan de +draperieën ongelukkigerwijze gerestaureerd zijn en de begrafenis van +graaf Orgaz, het bewonderenswaardigste kunstwerk, dat de wereld aan +het penseel van den realist Greco heeft te danken. + +De olympische schoonheid van het hoofd van Elia, de krachtige +modelleering van de handen en de voeten, die uit het wollen gewaad te +voorschijn komen, doen dadelijk denken aan de spaansche leerlingen +van Michel Angelo. En daar men niet aan Berruguete wordt herinnerd, +moet het werk worden toegeschreven aan Tordesillas of misschien eerder +aan Bercera. + +Domenico Greco of Theotocopuli, om hem zijn waren naam te geven, is +een van die langen tijd miskende kunstenaars, die een glorie zijn voor +de steden, waar ze verblijf hebben gehouden. De strenge en forsche +kleuren, de compositie vol harmonie, de magistrale teekening en de +uitdrukking der gezichten zijn treffend. Deze waardige afstammeling +van de groote kunstenaars uit Hellas was in Griekenland geboren, +zooals zijn naam en zijn bijnaam aanduiden, en daarna was hij, na +Italië te hebben doorreisd en daar een leerling van Titiaan te zijn +geweest, naar Spanje gekomen en had zich te Toledo gevestigd. Buiten +deze begrafenis van graaf Orgaz, dagteekenend van 1584, bezit de stad +nog eenige prachtige portretten door dien grooten meester gemaakt +en geschilderd in de grijze tinten, welke aan de manier van Frans +Hals herinneren. + +De kathedraal is nog tegenwoordig wel het middelpunt van Toledo. Van +alle trekt zij het meest de aandacht. Nu eens ziet men haar boven de +huizen verrijzen, dan weer vult ze open hoeken in het uitzicht tusschen +de straatjes, die alle op dat kerkgebouw uitloopen. Aan beide zijden +heeft zij zware contreforten, rondom zijn open galerijen, en boven +steken dikke torens en spitse torentjes hun punten in de blauwe lucht +op. Aan haar voeten dringen zich huizen samen en paleizen; maar men +let daar niet op, zoo overheerschend is de kathedraal voor den geest +en voor het oog. + +Men vindt niets anders in de ruimte, en als men, gelijk opeenvolgende +geologische lagen, de bijgebouwen, de sacristieën en de kapellen +uit allerlei tijden naast en in het primitieve gebouw vindt, gaan +die zaken, die al zoo langen tijd met elkaar in aanraking zijn +geweest, zoo goed te zamen, dat de eeuwen er als ineensmelten, +zonder dat men haar grenzen uit elkander houden kan. De kathedraal +is de Sint-Pieterskerk van dit andere Rome, van die stad der zeven +heuvelen; maar dan een zeer mystieke Pieterskerk, een zeer vrome, +die ernstige gedachten wekt en niet de herinnering aan de fiere pracht +van het Keizerrijk. Ik neem het Mariana kwalijk, dat hij haar de Rijke +heeft genoemd, terwijl door de eeuwen heen Jupiter, Jezus, Allah en +toen weer Jezus eerbiedig werden aangebeden op die plaats. De plek, +waar zooveel menschelijke wezens hun geest tot de hoogte eener ideale +wereld verhieven, zou een andere aanduiding verdienen. + +De geschiedenis der kathedraal is niet alleen die van de stad Toledo, +maar zij is die van geheel Spanje. De eerste christenkerk, die op de +heidensche tijden volgde, moet opgericht zijn in de 4de eeuw. Zonder +twijfel werd voor dat primitieve gebouw de kerk in de plaats gesteld, +die gesticht was door Recarede, dien gothischen koning, die het +Arianisme afzwoer en, het kerkgebouw onder de bescherming stellend van +de H. Maagd, het den 12den April 587 inwijdde. Het moet een eenvoudig +huis zijn geweest; maar binnen zijn muren werden de heilige bisschoppen +van Toledo tot het pontificaat verheven. Dat geschiedde met Eugenius, +Eladio, Ildefonso en Julianus; onder de gewelven der kerk kwamen de +conciliën samen, waar de gothische monarchie haar wetten gaf en zich in +theologische haarkloverijen verdiepte, terwijl de Arabier in den galop +van zijn snel en vurig paard al meer naar het westen den teugel wendde. + +De Halve Maan werd geplant op den grond, dien Viriathes zoo lang aan +de Romeinen had betwist. De kerk werd omvergehaald en vervangen door +een schitterende moskee, met kostbaar marmer bekleed. En toen na drie +eeuwen de stad door de Christenen heroverd werd, was zij zoo schoon, +dat de Mooren erdoor een afzonderlijk artikel van de capitulatie +beslag op legden en van den overwinnaar de belofte kregen, dat zij +er vrij hun godsdienstoefeningen zouden mogen houden. Koning Alfonsus +beloofde onder eede, altijd aan deze plechtige overeenkomst trouw te +zullen blijven. + +De Mooren hadden met den koning onderhandeld, maar niet met +koningin Constantia. In overleg met bisschop Bernard maakte zij van +de afwezigheid van den vorst, die in verre landen oorlog voerde, +gebruik, om te komen tot wat zij de kostbaarste der overwinningen +noemde. Op een nacht vereenigden zich drieduizend goed gewapende +Christenen onder haar bevelen en, door den bisschop aangevoerd, +stormden zij op de moskee los. De deur bezweek onder hun slagen, +en de verraste bewakers konden geen weerstand bieden. San Vincentius +Ferrer moest het voorbeeld van overgave twee eeuwen later volgen. + +Den dag na de inneming werd de moskee voor den christelijken eeredienst +gewijd, en gesteld in het bezit van de kanonnieke rechten der kerk, +die zij had vervangen, in spijt van de protesten van Aboe Valid, +die met verontwaardiging eischte, dat het verdrag der capitulatie +zou worden nageleefd. + +Dadelijk zonden de Mooren een bode naar den koning met de opdracht, +hun beklag te doen en naast de vervulling der belofte van den vorst +ook de bestraffing te eischen van de koningin en den bisschop. + +Alfonsus, in woede ontstoken, beloofde de schuldigen te straffen en +sloeg in groote haast den weg naar Toledo in. + +Toen ze den haastigen terugkeer van den koning vernamen, waren de +koningin en de bisschop zeer verschrikt en vol vrees. Nu was er onder +de Mooren een wijs en voorzichtig man, die niet te vergeefs zielkunde +had bestudeerd. + +"Wat zult gij lieden nu beginnen?" vroeg hij zijn +geloofsgenooten. "Koning Alfonsus is eerlijk; hij zal zijn woord +houden en hij zal, naar ze verdienen, straffen de koningin, die hij +liefheeft en den bisschop, die zijn geheele vertrouwen bezit. Gij zult +voor een oogenblik getriomfeerd hebben, maar weest er zeker van, dat, +als er recht is gedaan, de rechter een wrok tegen u zal behouden. Om +in het bezit te blijven van een moskee, die voortaan te groot voor +ons zal zijn, zoudt gij de goede gezindheid van uwen souverein jegens +u verspelen. Neemt u in acht voor de gevolgen, waardoor hij ons de +strengheid zal doen berouwen, die wij van hem hebben gevorderd." + +Deze alfaqui of wetgeleerde wist zijn gehoor te overtuigen, en nog +dienzelfden avond reisde hij, door zijn geloofsgenooten afgevaardigd, +den koning te gemoet, om zijn goedertierenheid ten gunste der +schuldigen in te roepen. + +Alfonsus gaf zijn groote ontevredenheid aan de koningin te kennen en +aan den bisschop; maar in den grond van zijn hart gelukkig, dat hij +niet de strengheid behoefde uit te oefenen, die de eer van hem eischte, +toonde hij voortaan aan de in Toledo gebleven Arabieren zijn goeden +wil en een welgezindheid, die slechts een rechtvaardige vergoeding +waren voor het geweld, in zijn afwezigheid gepleegd. + +Toledo behield gedurende meer dan anderhalve eeuw, de arabische moskee +als kathedraal en eerst onder de regeering van Ferdinand III, den +heiligen veroveraar van Sevilla, werd ze afgebroken. De eerste steen +van de tegenwoordige kerk werd door dien monarch gelegd, bijgestaan +door bisschop Dom Jimenez de Rada, op 4 Augustus 1227. Met den bouw is +men bezig geweest tot op het einde van de 16de eeuw. De mozarabische +kapel, die der laatste koningen, die van Sagrario, van Ochavo, de +Sacristie, het huis van den Schatmeester, de Zaal der Onderhandelingen, +de Leeuwenpoort en die der Voorstelling, het snijwerk van het koor +en een menigte andere toevoegsels dateeren van nog lateren tijd. + +De naam van den eersten bouwmeester is ons bewaard gebleven. Hij +heette Pedro Perez, zooals men kan lezen op zijn grafschrift, dat in +de kapel van Santa Maria gevonden is, toen die kapel werd afgebroken +bij den aanleg van het Sagrario. Hij stierf op hoogen leeftijd in +1285. Onder zijn talrijke opvolgers moeten wij niet vergeten den +beroemden Juan Guaz, wien de Katholieke koningen den bouw opdroegen +van het klooster San Juan de los Reyes. + +Het zou vervelend zijn de optelling te hooren van het aantal pilaren, +die het schip van de kathedraal van Toledo dragen; van de vensters, die +er licht geven; van de vierkante meters gewelven, die het overdekken; +van haar kapellen, vensterruiten, deuren en binnenpleinen. De +kanunniken zelf zouden u geen completen inventaris kunnen geven van +de schatten van allerlei aard, die men er vindt. Ik wil mij er dus +toe bepalen, de hoofddeelen te bespreken en allereerst mijn aandacht +wijden aan drie groote figuren, die scherp uitkomen tegen de groepen +van koningen, ministers, krijgslieden en bisschoppen, die allen +te rusten gelegd zijn in de kathedraal of haar iets van hun eigen +roem hebben meegedeeld. Ik zal namelijk spreken over Alvaro de Luna, +den beroemden en ongelukkigen minister van Juan II, van den grooten +kardinaal Mendoza, minister van Isabella de Katholieke, en van den +niet minder grooten Ximenes de Cisneros, die, bekleed met koninklijke +macht op het eind van het leven der groote koningin, ze behield in de +eerste jaren der regeering van haar dochter, Johanna de Krankzinnige. + +Zooals in bijna alle gothische kerken van Spanje, wordt de schoonheid +van het centrale schip bedorven door de zware massa van het koor, +dat onvermijdelijk voor de kanunniken moest gereserveerd. Maar +toch, omdat het koor zoo mooi is, kan men het veel vergeven. Nadat +men het prachtige hek van verguld koper en verzilverd ijzer heeft +bekeken, waarin men de karakteristieke ornamenten aantreft van den +platereskenstijl of dien der spaansche vroeg-renaissance; nadat men +daarboven de wapens heeft herkend van kardinaal Siliceo, primaat van +Spanje in den tijd toen de beroemde meester van het smeewerk, Domingo +Cespedes, dit kunststuk voltooide in 1548; nadat men het opschrift +heeft ontcijferd, dat vertelt, hoe dit wonder werd gewrocht onder +de regeering van Karel V en onder het pontificaat van Paulus III, +begint men de grieven te vergeten, die voor een opmerkzaam beschouwer +van het schip der kerk geheel verdwijnen. + +Langs de muren, die zich tot halver hoogte de zuilen verheffen, staan +twee verdiepingen van koorstoelen van rijkgebeeldhouwd notenhout, +maar van verschillende stijlen. De benedenste rij is niet de schoonste; +maar wel is ze de oudste en de interessantste. Elk basrelief stelt een +gebeurtenis voor uit den strijd, ter verovering van het koninkrijk +Granada, door de Katholieke koningen gevoerd, en de daarna volgende +inneming van de talrijke versterkte plaatsen, waardoor de tien jaren +van den oorlog gekenmerkt waren. Die koorstoelen, die in 1495 werden +voltooid, dateeren uit den tijd van kardinaal Mendoza en zijn het werk +van den meester-beeldhouwer Rodriguez. Ze zijn in den bloemrijken +gothischen stijl gemaakt en vloeien over van curieuse en aardige +bijzonderheden over de vestingen, de kleederdrachten, de wapens, de +gewoonten der Christenen en der Mooren op het tijdstip der verovering. + +De stoelen van de bovenste rij zijn afkomstig uit de 16de eeuw en +dragen alle den duidelijken stempel der Renaissance. Marmermozaïeken +en inlegsels van jaspis en albast zijn ingevoegd in het notenhout +van een mooie, warme tint, om de versieringen mee aan te brengen. + +Filips Vigarni, genaamd van Bourgondië, heeft de linker koorstoelen +gemaakt, terwijl Berruguete die aan den rechter kant vervaardigde. De +figuren, die bijna levensgroot boven de leuningen zijn aangebracht, +zijn ontleend aan het Oude en het Nieuwe Testament. De stoel van den +aartsbisschop, die zoo bijzonder mooi is, was voor Berruguete bewaard +gebleven. De dood overviel hem, en zijn medewerker had de eer het +kunstwerk te snijden. Er staat het schild op van kardinaal Siliceo, +onder wiens bestuur het werk werd voltooid in plaats van dat van den +aartsbisschop Talavera, dat men op de andere stoelen vindt. + +De bronzen zuilen, die het koepeltje steunen, dat zich er boven +uitbreidt, zijn wonderlijk mooi gesneden. Op de leuning stelt een +basrelief van albast, dat wij aan de beitel van Gregorio Vagarni +verschuldigd zijn, broeder van Filips, genaamd van Bourgondië, +de H. Maagd voor, zooals zij een kasuifel om de schouders van +den H. Ildefonsus hangt. De bevalligheid en de schoonheid der +heilige kunnen slechts vergeleken worden bij de verheven en verrukte +uitdrukking van dengene, die haar aanschouwt. Een belangrijke groep is +aangebracht boven het koepeltje en stelt de transfiguratie van Jezus +voor, die tusschen Elia en Mozes staat. Berruguete had den tijd het +werk te voltooien en zelfs om oneenigheid te krijgen met het kapittel +over de betaling van zijn arbeid. De bouwmeester van het Alhambra, +Pedro Machuca, werd als deskundige gekozen en stelde den prijs vast +op 82628 realen, een zeer belangrijke som voor dien tijd, want ze +staat gelijk met 13000 hollandsche guldens. + +Boven de koorstoelen vindt men rechts en links orgels, die om de +schoonheid der registers en de voortreffelijkheid van het mechanisme +terecht beroemd zijn. Het eene is van 1756, het andere van 1796, +en beide zijn vervaardigd door bekende orgelbouwers. De overige +meubels van het koor kunnen wedijveren met de stoelen. In het midden +draagt een arend met ontplooide vleugels, de klauwen rustend op een +gothisch voetstuk van ouderen stijl, de enorme en zware boeken van +de liturgieën. Die schoone vogel is zeker uit Duitschland gekomen +in den tijd der Renaissance. Twee andere lessenaars van verguld +brons van verschillenden vorm, staan een weinig lager, gelijk met de +stoelen. Zeer mooie basreliefs, die den doortocht door de Roode Zee en +David, dansend vóór de ark, voorstellen, versieren de vlakke deelen van +die lessenaars. Ze zijn zoo stevig verguld, dat men ze het gebruik niet +kan aanzien, ofschoon ze van 1750 moeten dagteekenen. Indien dan al het +kapittel veel van kunst hield, het hield ook veel van zuinigheid, want +er rezen nog moeilijkheden met den vervaardiger Nicolaas de Vergara, +den Oude. Er volgde een twist, maar ten slotte werd men het toch eens. + +Tusschen het koor en de Capilla Mayor van tegenwoordig, die +afgesloten wordt door een hek, waar een prachtige Christus aan +het kruis boven hangt, ligt een vrij groote ruimte. Zij werd tot +de 15de eeuw ingenomen door de oude Capilla Mayor, terwijl aan de +achterzijde zich de kapel der Oude Koningen verhief, gesticht door +koning Dom Sancho den Dappere, om als begraafplaats voor zijn familie +te dienen. Toen Ximenes de Cisneros kardinaal en primaat van Spanje +was geworden, verkreeg hij van de Katholieke koningen vergunning, +om de stoffelijke overblijfselen hunner voorgangers naar elders +over te brengen, en tevens om van de beide kapellen een enkele te +maken van grooter afmetingen en dus meer in overeenstemming met de +belangrijkheid van het gebouw. Zulk een optreden heeft natuurlijk +meer sporen nagelaten. De Capilla Mayor ziet er, nadat ze de beelden +en sieraden uit de beide heiligdommen heeft geërfd, overladen en vol +en niet in harmonie met het andere uit. Onder de beelden van koningen +en koninginnen is ook een binnengedrongen van een boer. + +Toen de beroemde slag van las Navas aan den gang was, en het leger der +Christenen door de ongeloovigen in het nauw was gebracht, en dreigde +vernietigd te worden, verscheen er een herder voor koning Alfonsus VIII +en bood hem aan, hem langs een onbekenden, maar volkomen veiligen weg +buiten den pas te brengen, waar de troepen ingesloten waren. Toen hij +zijn woord had gehouden, verdween de herder, zonder op den dank des +konings te wachten of om een belooning te vragen. Dadelijk liep het +gerucht, dat de redder van het leger der Christenen een afgezant van +den hemel was. Ten bewijze van zijn dankbaarheid gaf Alfonsus bevel, +een standbeeld op te richten voor den hemelschen gids en beschreef +hem aan den kunstenaar, zooals hij hem had gezien. + +Tegenover dien Pastor de las Navas staat de waardige gestalte van den +alfaqui Aboe Valid, die door zijn beleid koningin Constantia redde van +de straf, die zij wel een weinig verdiend had. Voorbij de koninklijke +standbeelden dichterbij het altaar vindt men boven elkaar een rij van +graven, waar de leden der koninklijke familiën rusten, die niet zijn +overgebracht naar de kapel der Nieuwe Koningen. Daar heeft zich op +een echt koninklijke plaats een persoon ingedrongen, die door zijn +geboorte niet voor zulk een eer bestemd was. Het is niemand minder +dan de beroemde Dom Pedro Gonzales de Mendoza, kardinaal, primaat +van Spanje en eerste minister der Katholieke koningen. + +Het heeft moeite gekost, om het stoffelijk overschot te plaatsen in +een graf, dat meer op een kapel gelijkt, en waar een altaar staat. Op +dat altaar moesten volgens de laatste wilsbeschikking van den prelaat +drie missen per dag worden gelezen. Toen de kardinaal gestorven was, +haastten zich de kanunniken, die hem misschien tijdens zijn leven wel +eens lastig hadden gevonden, tegen de bepalingen van zijn testament +te protesteeren. + +De plaats, die de overledene had aangewezen, om er zijn graf te graven, +kon, zoo zeiden zij in den aanvang, slechts aan een vorst of een prins +van koninklijken bloede worden afgestaan. Toen Isabella, die door +den slimmen Mendoza tot zijn executrice testamentaire was aangewezen, +hoorde van den tegenstand, zond zij aan het kapittel het bevel, zich +naar den laatsten wensch van den kardinaal te voegen. Toen men zich +niet haastte om te gehoorzamen, dacht zij aan koningin Constantia. Door +metselaars vergezeld, begaf zij zich des nachts naar de kathedraal en +beval den werklieden, in haar tegenwoordigheid den dikken muur door +te breken. Toen de kanunniken den volgenden morgen in de kerk kwamen, +vonden ze de doorboring zoo goed als voltooid. Het gaf toen niets, +nog langer te protesteeren. + +De kapel, het graf en het mooie beeld, dat op de sarcofaag +is geplaatst, zijn het werk van den meester Alonso de +Covarrubias. Zeven-en-twintig beeldhouwers hielpen hem bij zijn +arbeid. In vier jaren was die voltooid, en in 1504 werd het monument +ingewijd, na den dood van Isabella. + +Door aan het stoffelijk overschot van Mendoza een plaats af te staan +tusschen die van koningen en prinsen van Castilië, had de koningin +den trouwen dienaar willen beloonen, en den dapperen krijgsman, den +grooten staatsman, die na den slag van Toro er toe had meegewerkt, +haar den troon te verzekeren, en die vóór Granada haar zoo krachtig +hielp in het winnen van een koninkrijk. Hij was het, die, zich +stellende boven de vooroordeelen van zijn tijd, en van zijn Orde, +het oor leende aan de smeekbeden van Columbus, voor diens inzichten +gewonnen werd en hem den nog wel wat weifelenden steun van de koningin +bezorgde. Zonder Mendoza zou Isabella misschien nooit vorstin over +een Nieuwe Wereld zijn geworden. + +Daar zij edelmoedig van aard en dankbaar was, nam zij het hem niet +kwalijk, dat hij bij zijn leven zich den bijnaam had verworven van +"den derden beheerscher van Spanje", en na zijn dood voerde zij +gewetensvol zijn laatste wilsbeschikking uit. De kloosterschool van +Santa Cruz te Valladolid en het hospitaal van denzelfden naam, waarvan +zij den eersten steen te Toledo legde, zijn ook een uitvloeisel van +die gevoelens. + +De groote kardinaal was juist een man, zooals men zich de groote +vorsten van dien tijd kan denken. Eens maakte een geestelijke, +die op een dag in de tegenwoordigheid van den kardinaal preekte, +van de gelegenheid gebruik, om uit te varen tegen de verslapping +van den godsdienst in de tijden, die hij beleefde, en deed dat in +zulke bewoordingen, dat het onmogelijk was, zich in zijn bedoeling +te vergissen. + +Het gevolg van den prelaat kookte van ongeduld en wilde zich op den +overmoedige wreken. Maar wel verre van zich beleedigd te toonen, beval +Mendoza den prediker een schotel wild te brengen, dien men hem nog +denzelfden dag moest voorzetten, en hij liet het geschenk vergezeld +gaan van een beurs, gevuld met dubloenen bij wijze van specerij. + +Ter verontschuldiging van den wereldschen zin van Mendoza moet men +bedenken, dat aan het celibaat der geestelijken niet de hand werd +gehouden en dat het in Arragon zelfs aan afstammelingen van priesters +geoorloofd was te erven van hun overleden ouders, ook al hadden +dezen geen testament gemaakt. Dit zijn gebruiken, die men mudejarisch +of mozarabisch zou kunnen noemen en die tot de westersche zeden in +dezelfde betrekking staan en er op dezelfde wijze van verschillen als +de architectuur der paleizen van Toledo, voor de Christenen gebouwd, +van die der in denzelfden tijd in Frankrijk opgerichte gebouwen. + +Bij een der laatste bezoeken, die Isabella bracht aan haar stervenden +minister, vroeg de koningin hem, zijn opvolger aan te wijzen, een +keuze, die van bijzonder groot belang was, daar de aartsbisschop uit +den aard der zaak president was van den Raad van Castilië. Gedrongen, +om den naam te noemen van dengene, die het meest waardig was deze +dubbele functie te vervullen, beval Mendoza haar den broeder Francisco +Ximenes de Cisneros, van de orde der Franciscanen aan, die reeds haar +biechtvader was, ofschoon dan zeer tegen zijn zin. Nooit heeft Mendoza +zijn vaderland een grooteren dienst bewezen, want hij vertrouwde den +staat toe aan reiner handen dan de zijne, en stelde de leiding onder +de hoede van een veelomvattenden geest, die in staat was Spanje verder +te voeren op den weg der eenheid en de unificatie tot een goed einde +te brengen. + +Ximenes rust niet als zijn voorganger in de kathedraal van Toledo. Hij +had als plaats om zijn laatsten slaap te slapen een bescheidener +hoekje gekozen, namelijk in de universiteit van Alcala, die hij had +laten bouwen; maar toch leeft de herinnering aan hem in zijn kerk +en vooral in de mozarabische kapel, waar allerlei oude en de eeuwen +trotseerende herinneringen opleven. + +Wat is dat eigenlijk, die mozarabische eeredienst? + +Toen de Mohammedanen Toledo hadden ingenomen, oefenden zij er zulk +een gematigde heerschappij uit, dat de Christenen vergunning kregen, +er hun eeredienst uit te oefenen. Drie eeuwen later vond Alfonsus VI, +bij het heroveren der stad er een christelijke bevolking, die alle +vormen van den ouden gothischen eeredienst had behouden, terwijl +ze zich sterk hadden gewijzigd in landen, die christelijk waren +gebleven. De toledaansche ritus werd dus bewaard in de zes kerken, +waar hij in stand was gebleven tijdens de vreemde overheersching; +maar langzamerhand nam het aantal Mozarabieren af, en die dienst +zou onherroepelijk verloren zijn geweest, als Ximenes er niet een +kapel aan had gewijd, die in directe gemeenschap werd gesteld met +de kathedraal. De mis, die er dagelijks met groote praal wordt +voorgediend, verschilt van de zoogenaamd romeinsche mis. Ofschoon +er hier slechts sprake is van bloote vormquaesties, zooals van +het breken der hostie in negen stukken, de volgorde der gebeden, +de weglating van het laatste Evangelie enz. toch was er vroeger een +hevige strijd tusschen de aanhangers der twee richtingen. Er werden +formeele gevechten voor geleverd; ieder had zijn ridders, die voor +haar in het strijdperk traden, en als de kamp onbeslist bleef, ging +men tot de vuurproef over, om des hemels wil te vernemen. Er werd +een brandstapel ontstoken, en in tegenwoordigheid van een angstig +wachtende menigte werden de boeken van den eeredienst van Toledo en +de latijnsche richting er tegelijk op geworpen. De eerste bleven +ongedeerd, terwijl de andere verteerd werden. De stem des hemels +had gesproken; de toledaansche ritus of die van den H. Isidorus +werd behouden. + +Tegenwoordig wordt de mozarabische mis min of meer als een +curiositeit beschouwd; zij behoort tot het gebied der christelijke +archaeologie. Hoewel de vreemdelingen er in grooten getale heen +stroomen, kan men dat zelfde niet zeggen van de stadgenooten, die +enkel door de ceremoniën der groote kerkfeesten er nog eens worden +heengelokt. Het steeds afnemend aantal van de Mozarabieren behoeft +geen verwondering te baren, als men bedenkt, dat bij de gemengde +huwelijken de echtgenoot, die den latijnschen ritus aanhangt, meer +voorrechten heeft dan hij, die den toledaanschen ritus volgt. Zoo +ook moet in het eerste geval de vrouw terugkeeren in den schoot der +latijnsche kerk, terwijl in het tweede zij niet mozarabisch wordt. + +Het is zeer moeilijk te begrijpen, aan welk gevoel een hervormer +als Ximenes gehoorzaamt, als hij door den bouw van een eigen +kapel het voortbestaan waarborgt van een eeredienst, die bezig is +te verdwijnen. Hoe het zij, het gebouw, dat in 1504 werd begonnen +naar de plannen van Enriques de Egas en gebouwd door mohammedaansche +meesters, Faraux en Mahomet genaamd, heeft niets opmerkelijks. Maar op +den muur tegenover den ingang is een mooie fresco te zien van Jan van +Bourgondië, gedagteekend 1514. De schildering stelt voor de episoden +der ontscheping van het spaansche leger onder aanvoering van den +grooten kardinaal vóór de stad Oran, en beslaat drie prachtig bewaarde +groote schilderijen. De gebeurtenis had plaats in 1509 en de inneming +van Oran, nog in denzelfden avond van den dag der ontscheping, was de +groote triomf in het leven van Ximenes. Na zijn gebed had de hemel, +volgens het zeggen der soldaten, het wonder van Jozua vernieuwd en +de zon doen stilstaan tot de Christenen de muren van de muzelmansche +vesting hadden vermeesterd. + +Het is niet te verwonderen, dat de kardinaal, in spijt van zijn vurig +geloof en zijn nederigheid, die algemeen bekend zijn, bezweken is +voor de verzoeking, om voor het nageslacht de herinnering te bewaren +aan den grooten dienst, welken hij aan zijn vaderland had bewezen, +een dienst, die hem op de afgunst van Ferdinand kwam te staan, en hem +voor verscheiden jaren veroordeelde tot een soort van ballingschap +in zijn universiteit van Alcala. + +De mozarabische kapel heeft niet alleen het voorrecht, het getrouw +weergegeven portret van den grooten kardinaal te mogen bewaren. Men +vindt ook zijn ascetengezicht onder de portretten der primaten van +Spanje aan de wanden der Capitulatiezaal, en eveneens op een fresco +boven de deur van die zaal. Dat schilderij stelt het Jongste Oordeel +voor en de eindbestemming van den mensch. Toen de kunstenaar den +kardinaal onder de uitverkorenen wilde plaatsen in de glorie des +hemels, zei de prelaat: "Dat is te veel eer!" + +"Moet ik dan Uwe Eminentie in de hel doen plaats nemen?" + +"Dat zou een te groote vernedering zijn!" + +Er werd een gemiddelde gevonden, en de kardinaal werd in het vagevuur +gezet, maar geheel gereed om het te verlaten en van zijn kleederen +ontheven, ten einde zoo snel mogelijk naar de oorden der gelukzaligen +te kunnen verhuizen. + +Een andere groote figuur, maar deze onderworpen aan een bloedig en +tragisch lot, had vóór Mendoza gepreekt onder de gewelven van het +oude gebouw. Ik bedoel Alvaro de Luna, den gunsteling en minister +van Juan II, vader van Isabella de Katholieke, wiens troon en hoofd +in de kapel van Santiago rusten, welke hij bij zijn leven had laten +bouwen en die een der schoonste is gebleven van de kathedraal. Nooit +is een leven zonderlinger geweest dan dat van dezen laaggeboren man, +tot macht verheven door de gunst van zijn heer, over Spanje regeerend +gedurende twee-en-dertig jaren, stervend op een schavot, ten slotte in +de kathedraal een bijna vorstelijk graf vindend en eerst langen tijd +gerust hebbend in een graf op het kerkhof der terechtgestelden. Alleen +het lot van kardinaal Wolseley kan met het zijne worden vergeleken. + +Omstreeks 1437, toen hij op het toppunt van zijn macht was, had Alvaro +de Luna de kapel van Santo Tomé gekocht, die in 1177 gesticht was door +graaf Dom Muno de Lara. Hij had er naburige terreinen bijgevoegd en had +de prachtige kapel laten bouwen, die aan den H. Jacobus was gewijd ter +herinnering aan de Orde, waarvan hij tot Grootmeester was benoemd. Op +de plaats, die hij voor zijn graf had bestemd, had hij een automaat +van brons laten zetten, bezet met émail en verguldsel en op hemzelven +gelijkend, die op kon staan en bij de zegenspreking kon knielen. + +Volgens sommige kronieken werd de automaat vernield nog bij het leven +van den Grootmeester door Dom Erique van Arragon in den oorlog, dien +deze vorst tegen Castilië voerde in 1440. Een van die kronieken laat +Dom Alvaro tot Dom Enrique zeggen: + +"Waarom hebt gij mijn beeltenis niet geëerbiedigd en waarom hebt gij +ze vernield, gij, die op het slagveld voor mij zijt gevlucht?" + +Volgens andere schrijvers werd het beeld weggenomen op bevel van +Isabella, de Katholieke, die gehinderd werd door de afleiding voor de +geloovigen, als het zijn bewegingen uitvoerde. Het is waarschijnlijk, +dat de eerste lezing de goede is, want het standbeeld van den +Connétable zal zijn schande niet hebben overleefd, om tot de regeering +van Isabella te wachten, eer het van zijn voetstuk neerdaalde. Hoe +het zij, het brons van den automaat was niet verloren, en men meent +er de overblijfselen van terug te vinden in de twee gebeeldhouwde +preekstoelen, die links en rechts in de Capilla Mayor staan. + +Op de beide sarcofagen, midden in de kapel geplaatst, liggen de +marmeren beelden van Alvaro de Luna, gekleed in de wapenrusting en den +mantel van de Grootmeesters der Orde van Santiago, en van zijn vrouw, +Donna Juana de Pimentel. Een opschrift geeft niet anders dan den datum +van den dood van den Connétable, die plaats had in 1453. De trekken +van den beroemden gunsteling van Juan II doen denken aan die van het +kleine portret, dat op het altaarblad is geschilderd, een portret, +dat zeker naar een origineel is gecopiëerd, want het altaarblad werd +ten geschenke gegeven en op zijn plaats gebracht in 1498, op bevel +van Donna Maria de Luna, dochter van den Connétable. De sarcofagen, +beide zeer mooi, zijn het werk van Pedro Ortiz. + +Niet ver van de kapel van Santiago, en gekenmerkt door de veelkleurige +standbeelden van de wapenherauten van Leon en van Castilië, vindt +men de poort van de kapel der Nieuwe koningen, gebouwd door Alonzo +Covarrubias, op bevel van Karel V. Zij is in den platereskenstijl +opgetrokken, dat is de spaansche vroegrenaissance, en geeft daarvan +een zeer schoon voorbeeld. Trots de betrekkelijke nieuwheid van het +gebouw en vooral van de altaren, die van het einde der 18de eeuw +zijn, leeft men er nog te midden van oude herinneringen. Onder de +sierlijke ornamenteering van de Renaissance liggen in hun strenge +heiligheid op hun graftomben de beelden der stichters van de eerste +kapel, die op deze plaats werd opgericht, Dom Enrique van Castilië +en zijn vrouw Donna Juana, gestorven, de eerste in 1378 en de tweede +in 1381. Verderop die van Enrique III en zijn vrouw, Donna Catalina, +gestorven in 1418. + +In den hoek van de kapel hangt een zeer belangwekkend en zeer goed +portret van Dom Juan II, den eerst te zwakken en later te strengen +meester van den ongelukkigen Alvaro de Luna; het is het werk van Juan +van Bourgondië. + +De kunstenaar moet zich hebben laten inspireeren door het een of +ander getrouw portret, want in die blauwe oogen, die frissche tint, +de gevulde wangen en het ronde hoofd vindt men al de trekken terug, +die op de meest authentieke portretten van Isabella, de Katholieke, +werden aangetroffen. De blik van de dochter is alleen dieper en vaster +dan die van den vader. + +Aan het zeer hooge gewelf van de vestibule hangen aan den ingang van +de kapel twee beroemde trofeeën, die Isabella zelve had laten plaatsen +boven het graf van haar voorouders en die werden overgebracht naar de +nieuwe kapel, gebouwd door haar kleinzoon, Karel V. De eene is een +portugeesche vlag, buitgemaakt in den slag van Toro, die in 1476 is +geleverd door de Katholieke koningen, en ten gevolge waarvan Isabella +onbetwist meesteres bleef van Castilië; de andere is de volledige +wapenrusting van den aferez Dom Duarte de Almaïda, die, toen hij in +dienzelfden slag ernstig aan den arm gewond was, den koninklijken +standaard bleef dragen tusschen zijn tanden tot aan het einde van +het gevecht. + +De historie zal het voorbeeld van de Katholieke koningen volgen en +zal den vaandeldrager van Toro zich blijven herinneren. + +Als men een bezoek heeft gebracht aan het groote schip der kathedraal +van Toledo, en aan de tallooze kapellen, die erbij behooren, kent +men nog slechts een deel van het monument. Er blijven nog over de +sacristieën en magazijnen, de archieven en de bibliotheek, waar men +sinds eeuwen bezig is de giften der koningen, prinsen en primaten +van Spanje te rangschikken en behoorlijk te verzamelen. De omhulling +is den inhoud waardig. De lambrizeeringen, de deuren, de kasten zijn +voor het meerendeel meesterwerken van houtsnijwerk. Het plafond der +groote sacristie met de ster- en kruisvormige vakken, rood of blauw, +met goud ingelegd, is een wonder van de mudejarsche of mozarabische +kunst. De bronzen, die er talrijk zijn, kunnen wedijveren met de +bekleeding van de Leeuwenpoort. + +Verscheiden boekdeelen zouden nauwelijks voldoende zijn, om een +beschrijving te geven van de kostbaarheden, de tapisserieën, de +banieren, de sieraden, de meubels en de historische herinneringen, +waaronder men allereerst de tent van goudlaken aanwijst, die Isabella +de Katholieke, vóór Granada liet opslaan. Dan zijn er beeldhouwwerken +en schilderijen, het portret van kardinaal Borgia, geschilderd door +Velasquez, alleen bekend bij enkele ingewijden, en de H. Antonio +d'Alonso Cano, een beroemd beeldje, dat in werkelijkheid van Pedro +de Mena is, een der leerlingen van den meester uit Granada. + +En wat te zeggen van den schat der bibliotheek en der archieven, +die nog zoo goed als ondoorzocht is? Wat zou het een genot zijn voor +den onderzoeker, daar in de afdeeling voor muziek de werken terug te +vinden, waarvan de meeste onuitgegeven, van de beroemde kapelmeesters +uit de 15de en 16de eeuw, Francisco Penalosa, Bernardio Ribera, +Andres Torrentes, Morales, Escovedo, Pedro Fernandes, Antonio Bernal, +Navarro. Als men de bladzijden van enkele dier beroemde meesters +inziet, moet men dan niet verbaasd zijn te constateeren, dat die in +cijfers zijn geschreven, en in hun aanteekeningen de grondbeginselen +aan te treffen van de methode Galin-Paris-Chevé, die dertig jaar +geleden zooveel opgang maakte? + +Maar diep binnen te dringen in de geheimzinnige schuilhoeken van de +antieke kathedraal en haar inwendig leven grondig te leeren kennen +is den stervelingen niet gegeven. Drie duizend sleutels zijn, naar +het schijnt, noodig, om al haar deuren te sluiten; ik geloof, dat er +nog veel meer vereischt worden, om ze te openen. Den H. Petrus zou dat +niet gelukken, en wijs is hij, die zijn wenschen binnen de grenzen van +het mogelijke weet te houden. Al peinzend over dat oude voorschrift, +nam ik afscheid van mijn gidsen en verliet de kathedraal. + + + +III. + + Intocht van Isabella en Ferdinand volgens de kronieken.--San + Juan de los Reyes.--Het hospitaal van Santa Cruz.--De zusters + van Sint Vincentius a Paulo.--De beroemde portretten van de + universiteit.--De engel en de pest.--De heilige Leocadia. + + +De groote naam van Isabella, de Katholieke, heeft vele malen in de +kathedraal weerklonken, en in den loop van mijn herhaalde bezoeken heb +ik hem door alle echo's hooren herhalen. In dit schoone heiligdom, +vroom juweel aan de kroon van Castilië, kwam de bewonderenswaardige +koningin God danken, toen de overwinning in den slag van Toro haar in +het bezit had gesteld van den schepter, dien zij met zoo grooten roem +zou voeren. De verhalen uit dien tijd hebben een trouwe herinnering +bewaard van dien beroemden intocht. Hij had plaats op 31 Januari 1476. + +De straten en het Zocodover waren reeds van zonsopgang af gevuld met +een luidruchtige, zeer opgewonden menigte. De rechters en de wethouders +waren op straat gekomen, dezen in costumes van schitterende kleuren; +genen in lange, prachtige zijden gewaden. Aan de deuren en aan de +weinige buitenopeningen van de huizen had men fijne geweven stoffen +opgehangen, oostersche tapijten, heerlijke stoffen uit Venetië of +geweven door bekwame weefkunstenaren uit Toledo. Langzamerhand was het +in de stad leeg geworden, en de menigte, die de aanwijzingen van de +hoofden der aanzienlijke families volgde, had zich verspreid naar den +kant van de hermitage van Sint Eugenius, waar men reeds jongleurs, +zangers, dichters, muzikanten, en danseressen had bijeengebracht, +die alle rijk gekleed waren. + +Weldra verscheen, aangekondigd door fanfares en begroet met gezang, +dat de vereeniging van Castilië met Arragon blij begroette, de +koninklijke stoet; de hoofden gingen omhoog en de halzen rekten zich +uit, om de souvereinen beter te kunnen zien, wier overwinning den vrede +verzekerde aan de twee koninkrijken, en wier glorie op aller lippen +was. Ferdinand, nog zeer jong, met goed figuur, donkere oogen en haren, +intelligent gezicht, bereed al uitstekend een prachtigen klepper. De +koningin was gezeten op een muildier, dat rijk was opgetuigd, en geleid +werd door twee pages uit de edelste geslachten van het land. Zij was +niet groot, maar er sprak uit haar houding en haar trekken een fiere +majesteit. Haar hoogblonde haren waren bijna geheel verborgen onder +de sluiers, die om haar hoofd waren geslagen; haar zeer blanke huid, +de grijsblauwe oogen herinnerden er aan, dat van vaderszijde zij +vermaagschapt was aan het huis van Lancaster. Een uitnemende gratie en +een engelachtige glimlach maakten de strengheid van het voorhoofd en de +vastheid van den blik zachter. Isabella was zes-en-twintig jaar, twee +jaar ouder dan haar echtgenoot, en reeds had ze een rijk onderworpen, +dat haar betwist werd door vreemdelingen en oproerlingen. + +Na den eed te hebben afgelegd, dat zij de privileges zouden handhaven, +die aan de stad geschonken waren, en na de wallen overgetrokken te +zijn, begaf het koningspaar zich naar de kathedraal. Zij traden er +binnen door de poort der Vergeving, terwijl jeugdige kinderen, die +engelen voorstelden, hun met muziek welkom heetten. En geknield aan +den voet van het altaar, dankten zij den Eeuwige, die hun had vergund, +den vreemdeling uit Castilië te verdrijven en hem had gedwongen, +zich over de grens terug te trekken naar Portugal. Misschien plantte +de onvergelijkelijke vorstin op dien dag in den tuin van het klooster +den nu veel honderden jaren ouden taxisboom, waarvan elk eenigszins +begunstigd reiziger eenige bladeren ontvangt bij wijze van souvenir. + +Onder de regeering van Juan II, den vader der koningin, had de beroemde +gunsteling, Alvaro de Luna, eenige vertrekken van het Alcazar ter +beschikking van zijn heer laten stellen. Daarheen begaven zich de +vorstelijke personen. Er was een eenvoudig ontbijt gereed gezet, want +zij vastten dien dag; maar in spijt van de berooidheid der schatkist +werden de armen niet vergeten. + +Den tweeden Februari kwamen de koning en de koningin weer in de +kathedraal met nog grooter luister. + +Isabella straalde in verheven schoonheid; men had alleen oogen voor +haar, want alles verbleekte naast de lelie van het koningschap. Op +haar kleed van wit brocaat waren in goudborduursel de kasteelen en +de leeuwen, als symbolen van haar erfelijke rijken aangebracht; een +lange mantel van hermelijn viel neer van haar schouders en vormde +een lange sleep, door twee jonge pages opgehouden. Op haar hoofd, +door lichte sluiers omgeven, schitterde een gouden kroon, bezet met +edelgesteenten; om haar hals hing een prachtige collier van bleeke +robijnen. Het edelgesteente, dat op haar borst fonkelde, trok aller +blikken tot zich, niet enkel om zijn buitengewone grootte, en den +onvergelijkelijken glans, maar omdat het, naar men zeide, toebehoord +had aan Salomo. Het bewijs daarvoor vond men in het hebreeuwsche +opschrift, dat er op was gegraveerd. + +Vóór het koningspaar uit wapperden hoog en fier de vlaggen van Leon, +Castilië en Arragon, terwijl de vlaggen van Lusitanië, die door +den vijand achtergelaten waren in de wanorde, die op den slag van +Toro was gevolgd, omgekeerd en in vernedering in den stoet werden +meegedragen. De triumphators, die na een gelukkig ten einde gebrachten +oorlog in de stad van Romulus binnentrokken, boden met geen grooteren +trots de op den vijand buitgemaakte eereteekenen aan het romeinsche +volk aan. + +Na de mis te hehben gehoord, en na boven het graf van haar +voorvaderen, wien zoo vaak door de Portugeezen ontzag was ingeboezemd, +de getuigenissen van de zegepraal te hebben laten ophangen, wilde +Isabella in Toledo een duurzamer herinnering van de overwinning +achterlaten. Dat denkbeeld leidde tot de oprichting van het beroemde +klooster van Juan de los Reyes. + +Het gebouw, dat aan den rand van het plateau is gelegen boven het +groene, bloeiende dal van de Taag, als de rivier zich van de stad +verwijdert, is aangelegd in den vorm van een latijnsch kruis, +en opgetrokken van witte kalksteen, die zeer fijn en hard is en +daardoor zich uitstekend leent voor de meest grillige fantazieën der +beeldhouwers. Midden tusschen de verschillende onderdeelen verrijst +tot op groote hoogte een zware en mooie koepel. De steunsels der +bogen rusten op twee sierlijke tribunes, die voor het koningshuis +waren gereserveerd, terwijl een gebeeldhouwd fries, rondom de beuken +der kerk loopend, een prachtig opschrift droeg in gothische letters, +verheerlijkend de roemrijke namen der stichters. + +Aardige kleine onderdeelen trekken telkens de aandacht, zonder den +indruk van grootschheid en strengheid weg te nemen, die door het geheel +wordt gemaakt. Hier ziet men bloemen, kransen, vogels; ginds een aap, +als monnik gekleed, met een kap over het hoofd, in diepe aandacht +zijn brevier bestudeerend. Welk een zonderlinge oneerbiedigheid, +die men toeliet in die tijden van innige vroomheid! + +Toen Isabella aan de Franciscaners het klooster en de kerk San +Juan de los Reyes gaf, waar zij haar laatsten slaap wilde slapen, +begiftigde ze hen tevens met een inkomen van 7000 maravedi's, +(een koperen spaansche munt van nog geen nederlandsche cent waarde) +die genomen moesten worden uit de koninklijke schatkist, zonder dat +de inkomsten in geld en in natuurproducten, die van het land geheven +werden, ervoor behoefden te verminderen. Buitendien verrijkte zij hen +met kunstwerken, met miniaturen, juweelen en kostbare manuscripten, in +Duitschland gekocht en in Italië. Inderdaad meende de groote koningin +van Castilië, dat zulk een mildheid haar volk ten goede kwam. Met +het doel, haar volk te beschaven, wist zij de oprichting van twee +leerstoelen voor de theologie door te zetten voor de studenten, en +voor kinderen uit de provincie werden scholen gebouwd; zij stond erop, +dat men er de christelijke leer duidelijk uiteenzette op een wijze, +die deze leer begrijpelijk en bemind maakte. Nu was geen enkele orde +van geestelijken aard meer het vertrouwen van Isabella waardig dan +die der Franciscaners; geen godsdienstig genootschap verdiende zoozeer +om zijn talenten en deugden te worden uitverkoren door de vorstin. + +Na de verovering van het koninkrijk Granada wijzigden zich Isabella's +denkbeelden, en in haar testament, een voorbeeld van wijsheid en +voorzichtigheid, beval zij, dat men haar stoffelijk overschot zou +bijzetten in de stad, die met zooveel opofferingen was vermeesterd. + +De gunst, waarin zich het klooster van Toledo mocht verheugen, +verminderde niet onder de volgende regeeringen; Karel V voltooide het +werk van zijn bloedverwante; Filips II schonk er groote giften aan, +en deed het de verheven eer aan, het kapittel-generaal van alle groote +militaire orden van Spanje te mogen bewaren, en eindelijk bedekte +Filips III er de wanden met schilderijen en logeerde bij voorkeur in +het Alcazar bij de verkiezing van den Generaal der Franciscanen, bij +welke gelegenheid de vorst er feesten gaf en luisterrijke maaltijden. + +Toen Mevrouw d'Aulnoy Spanje bezocht, was zij zeer getroffen door de +pracht van de kerk. "Zij is groot en schoon," schreef zij, "en staat +vol met oranjeboomen, granaatboomen, jasmijn en zeer hooge myrten, +die in hun bakken heele lanen vormen tot aan het hoofdaltaar, dat +met een zeer rijke versiering is getooid. Zoodat met al die groene +bladeren en al die bloemen van verschillende kleuren, en als men er +het goud en het zilver ziet fonkelen tusschen de borduurwerken en de +aangestoken waskaarsen, waarmee het altaar is overdekt, het is, of men +de zonnestralen zelve ziet. Er zijn ook kooien, mooi geschilderd en +verguld, waarin nachtegalen, sijsjes en andere vogels een bekoorlijk +concert geven." + +De kerk en vooral het klooster hebben verschrikkelijk geleden van den +oorlog en van den brand, die in 1809 veel onheil stichtte en een deel +van het altaar, de geschilderde glazen, de bibliotheek en de helft +van het klooster verwoestte. In 1835, ten tijde van de Revolutie en +van de afschaffing der godsdienstige orden, werd het gebouw in een +kruitmagazijn veranderd. + +Het zou geheel ten onder zijn gegaan, indien niet in 1844 de +Commissie voor de historische Monumenten er de beschermende hand +over had uitgebreid, door de gemeente van San Martino erheen over te +brengen. Aan den dienst teruggegeven, en voor de bedelaars gesloten +zoowel als voor de plunderaars, is de kerk bewaard gebleven voor de +verwoesting, waarmee ze werd bedreigd. + +Wat het klooster betreft, dat heeft sinds 1858 een restauratie +ondergaan, die even talentvol wordt uitgevoerd als ze langzaam tot +stand komt, en het is tegenwoordig het kostbaarste en schitterendste +voorbeeld van den gothischen bouwtrant in Spanje. De bogen, die een +lengte van 26 meter innemen aan elk der vier zijden, zijn versierd met +een menigte beelden, sieraden, vogels, vruchten en bloemen, uitgelezen +kunstig bewerkt. Op den binnenmuur, die ook met beelden is versierd, +gedragen door elegante caryatiden, onder de fijne kroonlijst, ziet +men een lang opschrift in de castiliaansche taal. De mooie gothische +letters, die het vormen, zijn gelijk aan die, welke binnen in de kerk +zijn gebruikt, al zijn ze minder groot. Ferdinand en vooral Isabella +worden er uitbundig maar niet overdreven geprezen. + +Dit klooster en de kerk werden opgericht op bevel van de katholieke +en zeer uitnemende vorsten Ferdinand en Donna Isabella, koningen van +Castilië, Arragon en Jeruzalem, vanaf de eerste fondamenten, voor +de eer en de glorie van den Koning der Hemelen en zijn gelukzalige +Moeder en tevens van den H. Johannes den Dooper en den H. Franciscus, +hun ijverige bemiddelaars. En na den bouw van dit huis veroverden zij +het koninkrijk Granada, roeiden de ketterij uit en verdreven alle +ongeloovigen, verkregen alle rijken in Spanje en Indië, en voerden +hervormingen in bij alle kerken en gemeenten van monniken en nonnen, +die in hun gebied hervorming van noode hadden; en na zoo groote +en voortreffelijke werken stierf de koningin te Medina del Campo, +gekleed in het gewaad van den H. Franciscus, den 5den November van +het jaar 1503. + +Evenals de kerk is het klooster gebouwd naar de plannen van een der +beroemdste bouwmeesters van de kathedraal, Juan Guaz, een Vlaming, +naar men meent, en wiens trekken voor ons bewaard zijn gebleven op +een fresco, dat behoort in San Justo y Pastor. Om tusschen de beide +verdiepingen van het klooster een verbinding tot stand te brengen, +die het gebouw waardig was, beval Karel V later aan Covarrubias, +een prachtige trap te maken, die overdekt is met een koepel in den +vorm van een schelp, waarop het wapen van den grooten keizer voorkomt +naast dat van zijn voorvaderen. Op de bovenste galerij komt ook uit de +cel van Ximenes, die er met eerbied wordt vertoond. De latere groote +staatsman was de eerste nieuweling, die te San Juan het kleed der +Franciscanen aannam. + +Nog in de allerlaatste jaren is San Juan de los Reyes bedreigd geworden +met een groot verlies. Na de inneming van Malaga had Isabella als +krijgstrofeeën de ketenen van de door haar in vrijheid gestelde +christelijke gevangenen erheen gezonden en had bevolen, ze te hangen +aan de buitenmuren der kerk. Sinds vier eeuwen beschreven die donkere +ringen hun kringen op het witte gesteente, toen een alcade met veel +practischen zin ze liet loshaken en bevel gaf ze om te smeden tot +deelen van banken en tot een slot voor den openbaren tuin. Gelukkig +had men den tijd, de volvoering van zulk een heiligschennend plan te +voorkomen, en de ketenen hernamen de zoo lang ingenomen plaats. + +In een der lage zalen van het klooster, misschien een ruime sacristie, +heeft men een massa ongelijksoortige voorwerpen bijeengebracht, +die meer of minder droevige of merkwaardige gebeurtenissen in de +herinnering terugroepen, zooals schilderijen, stukken gebeeldhouwden +steen of houtsnijwerk, émails en eerwaardig ijzerwerk. Te zamen heet +het min of meer pompeus het Provinciaal Museum. Men kan er een bezoek +brengen, als de portier zoo vriendelijk is op het schellen aan de deur +te letten. Indien zijn bezigheden hem in zijn vertrekken vasthouden, +mag men wachten; maar als men niet wordt binnen gelaten, behoeft men +daar niet al te rouwig om te zijn; alle voorwerpen, die werkelijk +eenige waarde hadden, zijn naar Madrid gebracht. + +Isabella liet het niet bij die vrijgevigheid jegens de oude hoofdkerk +van Castilië. In de laatste jaren van haar leven begiftigde zij haar +nog met het toevluchtsoord van Santa Cruz voor vondelingen. Toen zij +den bouw van dit schoone gebouw ondernam, trad zij op als uitvoerster +van den uitersten wil van haar getrouwen minister, kardinaal Mendoza, +denzelfden staatsman, wien zij met geweld een laatste rustplaats +schonk in de Capilla Mayor van de kathedraal. + +De kardinaal was gestorven in 1495, vóór de eerste steen was gelegd. De +koningin kwam dadelijk tusschen beide, hief de moeilijkheden op, +die rezen naar aanleiding van de verwerving van terreinen, in handen +van kloosterorden, en toen zij op haar beurt stierf, in 1503, waren +alle schikkingen zoo goed getroffen, dat de bouwmeester Enrique de +Egas op geen enkelen hinderpaal stuitte. Tien jaren later was het +gesticht gereed. Het is gebouwd in den vorm van een grieksch kruis of +het kruis van Jeruzalem. De kerk bevond zich vroeger bij het snijpunt +van de armen van het kruis; de gebruiksverandering tot Kadettenschool +heeft ertoe geleid, dat het altaar verplaatst werd naar het uiteinde +van een der armen. + +Ofschoon het vondelingenhuis van Santa Cruz zeer weinige jaren na San +Juan de los Reyes gebouwd is, lijken de stijlen niets op elkaar. De +velerlei aanraking met Italië had Spanje de oogen geopend voor nieuwe +richtingen. Dadelijk had het die met geestdrift aanvaard, vergetend +zijn eigen verleden en de overleveringen, die uit Bourgondië en +Vlaanderen in vroeger eeuwen waren overgekomen. Alleen de prachtige +houtbetimmeringen met de houtmozaïeken in de vier zijbeuken zijn van +die mozarabische kunst, waarvan Toledo zooveel kostelijke voorbeelden +bezit. + +Rechts van de ruimte, die tegenwoordig tot ingang dient, is een +kloostergang met zuilen in klassieken stijl. Men komt op de +bovenverdieping langs een zeer fraaie trap, die begint onder +een portiek, gevormd door drie zuilen met verrukkelijk fijn +snijwerk. Groote treden uit één stuk fijn, wit marmer voeren naar +galerijen, waar bedelaars en plunderaars de houtbekleeding van hebben +weggeroofd, zoodat men nu van balk op balk moet springen op gevaar +af in de spleten te vallen en door het dunne plafond terecht te komen +op de steenen van de lager gelegen gang. + +Deze gang staat in verbinding met een andere kleinere, die zware +zuilen en kapiteelen heeft, afkomstig uit de antieke kapel van +de H. Leocadia. Uit de weinige vensters, die een paar cellen van +die kloostergangen verlichten, ziet men neer in de kloof, waar de +Taag door stroomt, op de brug van Alcantara en het kasteel van San +Cervantes, dien mooien, strengen toegang tot Toledo. Men kan zich zeer +goed voorstellen, dat de overlevering op de terreinen, nu door het +hospitium ingenomen, het oude Alcazar heeft geplaatst, dat zich in 1085 +aan koning Alfonsus VI overgaf, gedwongen door een hongersnood, dien +een streng en langdurig beleg had veroorzaakt. Op geen enkele plaats +kon men een betere positie innemen ter verdediging van de rivier. Wat +is er van die vesting overgebleven? Niets dan een vervallen en half +ingestorte toevlucht, die er uitziet of ze een beleg heeft doorstaan, +en dan de diepe melancholie van de dingen die niet worden gebruikt. + +Het werk van Karel V is niet enkel vertegenwoordigd door de +Visagrapoort, Toledo is ook aan hem verschuldigd het mooie binnenplein +van het Alcazar, en bovendien dateert uit zijn regeering het hospitaal +van San Juan a Fuera, gebouwd door den kardinaal-aartsbisschop Dom +Juan Tavera. In 1541 begonnen, werd het eerst in 1624 voltooid. De +indrukwekkende gevel van uitstekenden smaak strekt zich uit over +een lengte van ongeveer honderd meter. Uit de kerkpoort zagen wij de +zusters van Sint Vincentius a Paulo komen met haar witte mutsjes, die +alleen al door haar tegenwoordigheid den indruk van orde en netheid +geven, die ieder moet treffen zoodra hij den drempel overschrijdt. + +Welk een verrassing is het, de steenen van de gangen zonder vlekken te +zien, de hoeken zonder vuil en de oude mannen gewasschen en gekamd, +terwijl er geen bewakers rondloopen, die bedelen met een dreigement +in den blik! Men gevoelt, dat Frankrijks goede engelen over de bergen +zijn gevlogen, en dat voor haar goede werken de wereld nooit groot +genoeg zal zijn. + +Bij de kruising van het schip der kerk met de armen van het kruispand +welft zich een zeer hooge en wijde koepel over het graf van den +stichter van het liefdehuis. Dat is het laatste werk van Alonso +Berruguete. Mogelijk is de koepel zelfs wel afgemaakt door zijn zoon, +in 1561. De jaren hadden de hooge vlucht van den kunstenaar wat +getemperd, want hij heeft nooit beter de zachte kalmte van den dood +van den rechtvaardige weergegeven. De versieringen van de sarcofaag +zijn van een lateren tijd dan het beeld van den doode, en hoewel +in goeden italiaanschen stijl, zijn ze veel minder waard. Zij zijn +het werk van een inlandschen kunstenaar; maar in dien tijd, en als +ze zich aan het marmer waagden, waren de spaansche beeldhouwers zoo +gewend aan de italiaansche manier, dat het moeielijk wordt, hun werk +te onderscheiden van wat uit de werkplaatsen in Genua en Florence kwam. + +De burgers van Toledo mogen graag hun stad vergelijken bij de hoofdstad +der Christenheid. De parallel valt dan geheel in hun voordeel uit. Men +oordeele: + +Toledo en Rome hebben zeven heuvels, Toledo en Rome hebben een +tarpeïsche rots; Toledo en Rome zijn beide vol kloosters; Toledo +en Rome hebben beroemde prelaten zien geboren worden; maar het Rome +van Italië heeft ernstige fouten begaan en dwaasheden, waarvoor het +Rome van Spanje zich heeft weten te behoeden. En eindelijk steekt +Toledo haar mededingster de loef af door de algemeene vermaardheid, +die haar marsepein heeft verkregen, het marsepein met amandels; op +dat gebied behoeft niet te worden gestreden, daar komt de eerepalm +toe aan het Roma del Marzapan. + +Ik geloof, dat geen vreemdeling Toledo beter heeft gezien dan ik onder +het geleide van mijn uitstekenden vriend, professor Ventura y Reyes. Er +is geen stukje van de oude stad, of hij heeft het onderzocht met een +talent, dat alleen te vergelijken is met zijn bescheidenheid. Daar +vandaag, Zondag, het provinciaal museum gesloten was, had de doctor +mij ten zijnent geïnviteerd, om dan samen een wandeling buiten de +stad te doen. + +"Wij hebben daar," had hij tot mij gezegd met een zekere +geheimzinnigheid, "twee vrouweportretten, die u zeer zullen +interesseeren". + +"Uit welken tijd?" + +"Uit den tijd van Filips IV." + +"Een Velasquez, een Greco?" + +"Wie weet?" + +Ik ging heen in groote spanning. Wat een rijkdommen heeft toch dat +Spanje, dat zoo geheimzinnig is en zoo bescheiden! De ontroering +deed mijn hart sneller kloppen, toen wij in de bibliotheek binnen +gingen. Achter in de zaal, in een soort van afgesloten hoekje bij den +katheder van den professor, hingen twee doeken van vrij groote afmeting +tegenover elkander. Ik liep er snel op toe; mijn oogen doorboorden de +duisternis, en ik zie een prachtige vrouw met een baard, omringd door +haar man en kinderen. Een roode sluier bedekte het gelaat, terwijl +het laag uitgesneden corsage de borst van de kleur van leliën en +rozen liet zien. + +Natuurlijk heeft Velasquez niets met dit portret uit te staan. + +"Wat zegt u ervan?" vraagt mij lachend mijn gids. + +"Dat moet een reclame wezen van een fabrikant van schoonheidsmiddelen +of van een middel voor den haargroei." + +"U vergist zich; het is het authentieke portret van een dochter van +het blonde Germanië. Geboren in Duitschland, in 1620, kwam zij in 1664 +in Spanje, en zoowel om haar baard als om haar talent als organist +wist zij belangstelling te wekken. Dit portret en het uitvoerige +opschrift dat het draagt, zijn er de onmiskenbare blijken van. En nu, +keer u eens om." + +'t Is, of het om een weddenschap te doen is! Daar sta ik weer tegenover +een vrouw met een baard! + +"Meent u dan, dat Spanje bij Duitschland achter heeft willen blijven?" + +De eerste vrouw was hoogblond en zag er vroolijk uit; deze tweede +met witten baard heeft een zeer streng uiterlijk. Hier geen laag +uitgesneden kleed; een hooge guipure en een stijve kraag omsluiten hals +en borst en het gezicht kon dat zijn van een uit China teruggekeerden +zendeling. Onder dit beeld zocht ik te vergeefs naar een opschrift, +en ik vond er slechts een cijfer. Deze tijdgenoote van Filips IV was +vijf-en-vijftig jaar, toen men haar weinig aantrekkelijk uiterlijk +vereeuwigde. + +Neen, de jeugdige leerlingen van het provinciale lyceum worden niet +op de proef gesteld door wat men hun te zien geeft! + +Maar wat is de aanleiding geweest tot de dwaasheid, dat deze dochteren +Eva's er zoo op gesteld waren, aan de wereld den rijkdom van haar +baard te vertoonen? De methodische exploitatie en het winstgevend +bedrijf om phenomenen te laten zien, was nog niet in de zeden +doorgedrongen.... Een paar eeuwen later zou Barnum haar fortuin en +het zijne hebben gemaakt. + +De dag, die onder zoo gelukkige voorteekenen was begonnen, was als +een vergoeding voor de ernstige studiën van de vorige week. Sedert +mijn aankomst had ik vertoefd in de geheimzinnige schaduw der kerken, +onder kloostergewelven, bij graven en tot ruïnen vervallen paleizen; +had ik dan niet verdiend, ook eens naar buiten te gaan? + +Zoodra we de stad hadden verlaten, was het alles een schittering van +licht en vreugde; de herfstzon glimlachte met haar vriendelijkste +gezicht. Toch keerde ik mij even om, en keek naar de versterkte +poort, die ik was doorgegaan. Een engel stond daar met een zwaard +in de hand, streng en toornig tusschen twee zware torens. En de +bewoners van Toledo, de jongen en de ouden hebben zich afgevraagd, +waarom die godsgezant hun een zoo donker gezicht liet zien. Er moest +een verklaring wezen, en er is een legende ontstaan. + +De engel des Heeren waakt over Toledo en verbiedt de rampen en +ellenden de stad te naderen; zij, die zooveel leed over de arme +menschheid brengen. + +Eens verscheen de afschuwelijke pest en vroeg om te worden toegelaten. + +"Wat komt gij hier doen?" vroeg de engel in woede ontstoken. + +"Ik ben een gezant van God, gij hebt niet het recht mij te weren." + +"Mijn volk is vroom; als God in zijn ontevredenheid enkele armzalige +visschers wil tuchtigen, dat hij er ten minste rekening mee houde, +dat Toledo trouw de Heilige Maagd heeft gediend. Beloof mij, dat gij +u met twintig slachtoffers zult tevreden stellen." + +De engel bad en smeekte; maar de pest vond dat niet genoeg en wilde +niet met minder dan tweehonderd tevreden zijn. + +Toen moest de vreeselijke schatting, die gevraagd werd, worden +toegestaan. De pest ging binnen, en gedurende drie maanden richtte +zij vreeselijke verwoestingen aan en deed de bewoners van Toledo bij +duizenden sterven. + +"Ellendeling, leugenaarster, meineedige!" schreeuwde de engel, toen +de ziekte eindelijk vertrok. "Ik zal u bij den hemel aanklagen." + +"Waarom die woede? Gij hadt mij de levens van tweehonderd slachtoffers +afgestaan. Die heb ik genomen. De anderen zijn allen van vrees +gestorven. Daar heb ik geen schuld aan!" + +Van de vlakte, waarop men uitkomt, als men de wallen achter zich heeft +gelaten, rust het oog eerst op de meer dan middelmatige beelden van +eenige koningen van Spanje, om daarna in het dal af te dalen naar +de ruïnen van een romeinsch circus, dat systematisch verwoest werd, +toen Abd el Rahman, gouverneur van Tolestane, zich onafhankelijk +trachtte te maken. + +Langzaam dalend, komt men bij het heiligdom van Cristo de la Vega. Het +kerkgebouw is opgericht op de plek, waar de heilige Leocadia den +marteldood onderging. + +Leocadia was schoon en werd bemind. Toen men van haar eischte, +dat zij het Christendom zou afzweren, was zij bang, niet sterk te +zullen zijn en door de pijn te zullen worden overwonnen en haar God te +verraden. Daarom riep zij hem te hulp en smeekte hem, haar tot zich te +roepen en haar de smadelijke ontrouw aan het geloof te besparen. En +terwijl zij met haar hand een kruis op den grond teekende en dat +eerbiedig kuste, stierf zij met den naam van Jezus op de lippen. + +Er verloopen eeuwen. Pas tot het Christendom bekeerd, heeft koning +Sisebuth een prachtigen tempel laten oprichten op de plek, waar de +martelares gestorven is. In de nabijheid van haar hoogvereerd graf +werden conciliën gehouden. Monarchen en bisschoppen hebben naast haar +willen rusten, en daar op eens doet een nieuw wonder de vroomheid +van het volk en de koningen nog stijgen. + +Het was op 9 December 666. Bisschop Ildefonsus vierde in het heiligdom +den jaardag van den dood der heilige. Plotseling verdween de grafsteen +in den glans eener lichtende verschijning. Een engelengedaante +gehuld in witte sluiers, vertoonde zich voor de blikken der +aanwezigen. Leocadia leeft, zij glimlacht, zij spreekt, zij prijst +Ildefonsus, dat hij op het Concilie de maagdelijkheid van de Moeder +Gods heeft verdedigd. + +De bisschop is op de knieën gevallen, hij luistert, beeft en +twijfelt. Neen hij is niet het slachtoffer van een gezichtsbedrog, +de verrukking, die op aller gezichten te lezen staat, stelt +hem gerust. Hij beeft van vreugde, strekt zijn handen naar de +verschijning uit, en, aangemoedigd door den koning, wil hij de +stralende grijpen. Maar Leocadia behoort niet meer tot deze wereld van +smarten; zij zal zich niet door een aardsch wezen laten aanraken. Zij +wordt minder duidelijk zichtbaar en verdwijnt als een vluchtige +schaduw onder den steen, die zich weer sluit. Maar de verdwijning +heeft niet snel genoeg plaats gehad. Een slip van haar lichten sluier +is tusschen den steen en den vloer blijven zitten. De vorst springt +naar voren om die te grijpen, maar plotseling tegengehouden door het +gevoel zijner onwaardigheid, reikt hij den bisschop zijn degen toe, +die het kostbaar stuk, getuigenis van het wonder, afsnijdt. + +"Maagd en martelares," roept de bisschop uit, "gij, die waardig zijt, +den Verlosser in zijn hemelsche glorie te aanschouwen, die uw leven +hebt gegeven, om zijn liefde te verdienen, zie met genadig oog neder +op de stad, waar het Gode behaagd heeft, u te doen geboren worden, +bescherm haar, en laat uw tusschenkomst strekken tot heil van den +monarch, die plechtig uwen feestdag viert." + +Nog heden wordt in de kathedraal de eenige reliek der schutsvrouw +van Toledo bewaard. Een standbeeld van de H. Leocadia, dat echter +niet veel kunstwaarde heeft, is in de kapel te zien. + + + + + + +In den zonneschijn te middernacht. + +Naar het Duitsch van _Karl von Dahlen_. + + +In de Lapland-express! Behagelijk zit een klein reisgezelschap in +den rooksalon bij elkaar. Het toeval heeft ze uit alle deelen der +aarde hier bij elkaâr gebracht en op zulk een tweedaagsche spoorreis +wordt men spoedig vertrouwelijk. Daarbuiten ligt de gloed van een +noorschen nacht over de eentonige wildernis. Bosch, bosch, zoo ver +het oog reikt, maar niet het schoone hoogstammige woud, de vriend +van een mensch, die een wandelaar vriendelijk in zijn armen sluit, +maar dat eindelooze bosch, zonder paden of wegen, het wreede beeld +van den moeielijken strijd om het bestaan, waar het kleine het +groote verwoest, en de ongelukkige sparren, geheel bedekt met blad- +en korstmossen, tusschen groote granietblokken hopeloos een langzamen +dood afwachten. In het spookachtige licht van den nacht schijnt het +landschap geheel doodsch en uitgestorven, en het is alsof men zich +over het uitgestrekte oppervlak van een andere planeet beweegt. + +De aardige zweedsche dokter dringt wel is waar tot rusten, maar de +helderheid van den nacht laat ons niet slapen. Houdt de trein eens op, +om water of kolen in te nemen, dan is het toch al te verleidelijk om +in dit middernachtelijk uur eens naar buiten te gaan in het zwijgende +land. Men is zoover van het eigenlijke Europa verwijderd, en de weinige +schreden naar beneden, de glooiing af, om bessen of mossoorten te +verzamelen, brengen ons onmiddellijk in een vreemd land. Langzamerhand +sterft de plantengroei onder de harde hand van een noordschen hemel, +kleiner en kleiner worden de boomen, spoedig ontdekt mijn plantkundige +reisgenoot de eerste gletscherberk met zijn fijn getande bladeren. De +bloemen lichten ons tegen met haar teringachtige kleuren, en daar +in de verte schemert de sneeuw ons tegen, als reuzenflarden van een +verscheurd lijkkleed. Zoo gaat het voort door Lapmarken, voorbij de +steden Gellivara en Viruna, die een amerikaanschen indruk op ons maken. + +Welk uur onze horloges ook mogen aanwijzen, aan ieder station staat +de bevolking gereed ons te begroeten. Langzaam klimt de trein naar +boven. Het naakte graniet komt meer en meer te voorschijn, en ofschoon +wij slechts een paar honderd meter boven 't zee-oppervlak zijn, +heeft de geheele omgeving het karakter van het hooggebergte. Dezelfde +aangrijpende verlatenheid als in de Alpenpassen, maar nu op reusachtige +wijze uitgebreid. Hier en daar glinsteren kleine meren tusschen de +gesteenten, de beken storten zich woest van boven neer en aan de +rechter zijde schittert de zilveren streep van Torne Fräsk, de groote +binnenzee in het Noorden van Zweden. + +Boven de bergen aan den anderen oever ligt een donkere muur van +wolken, maar de eene waterval naast den anderen schijnt uit de +wolken neer te storten, en hunne zilverachtige strepen komen +helder uit tegen de blauwe bergwanden. Hier en daar weiden enkele +troepen rendieren en vluchten in moeilijken gang, zoodra de fluit +van de locomotief zich doet hooren. Tegen den middag bereiken wij +de grens tusschen Zweden en Noorwegen; "Riksgränsen" heet trotsch +hier het kleine stationnetje. Daar heerscht nu een opgewekt leven; +jonge Zweedschen, met heerlijk blond haar, zijn zoo even van een +voetreis in het binnenste van Lapland teruggekomen. Ze dragen de bij +de Lappen gebruikelijke schoenen met banden, hebben den Alpenstok +in de hand, de botaniseerbus op den rug en maken een ondernemenden +indruk. Hun eenig geleide is een jonge, nauwelijks de school ontgroeide +student. Onwillekeurig denkt hierbij iemand aan de plaats in Goethe's +Brieven uit Zwitserland, waar hij van de zorgvuldige voorafgaande +onderzoekingen en de omvangrijke voorbereidingen verhaalt, vóór de oude +Saussure met zijn reisgezelschap besloot in den laten herfst in het +Chamonixdal tot aan den voet van den Mont Blanc door te dringen. Welk +een onderscheid! Tegenwoordig ontmoet men de jeugdigste reizigsters +bijna zonder geleide op een tocht door een onbebouwde wildernis aan +de grenzen van het poolgebied. + +Van Riksgränsen daalt men, met talrijke bochten, door vele tunnels +heen, naar de zee af. Al groener en groener wordt de bodem. Eindelijk: +Thalatta, Thalatta! In de diepte schittert de stille waterspiegel +van den Rombake-Fjord, waarin zich aan alle zijden witschuimende +watervallen uitgieten. Spoedig is Narwik bereikt. Wij verlaten den +trein, en Anna, de keukenmeid van een eetsalon, die ons elken morgen +zoo vriendelijk begroette, wuift tot afscheid met haar witte muts. + +Nu moeten wij ons aan de goden der zee toevertrouwen en menigeen +mijner reisgenooten zinkt het hart in de schoenen, als hij het +kleine stoombootje ziet--"Hadsel" is zijn naam--dat ons tot aan +de noordelijkste punt van het vaste land moet brengen. Dwergachtig +klein ligt het daar naast de groote stoombooten, die het in Kiruna +gewonnen erts hier laden, en de hemelhooge rotswanden van den fjord +doen trouwens elk menschenwerk nietig schijnen. + +Wij vormen echter ook maar een zeer klein reisgezelschap, niet meer dan +een dozijn, en in een vroolijke, moedige stemming lichten wij het anker +en stoomen nu noordwaarts. Welk een zonderlinge sprookjesachtige wereld +rondom ons! De hoogste bergtoppen zijn in donkere wolken verborgen, +de rotswanden zien donkerblauw, groengrijs glanst de zee. Heinde en ver +ziet het oog geen andere stoomboot. Slechts een paar visschersschepen, +juist zoo gebouwd als de oude draakschepen der Vikingen, vóór en achter +met den hoog opstijgenden boeg, en met roest-bruine zeilen, kruisen +onzen weg. Maar in het water wordt het levendig; dolfijnen spelen +rondom het schip, nu eens ziet men hun plompe lichamen in de lucht +opspringen, dan weer kan men in het heldere water hun bliksemsnelle +bewegingen volgen. De lommen tuimelen voor ons heen; angstig beproeven +zij zich in de lucht te verheffen, en storten zich dan weer met den +kop omlaag in de diepte. De meeuw stoot zijn schril geluid uit en +de kormoraan vliegt met stillen vleugelslag voorbij. Zoover het oog +reikt, rijen zich eilanden aan eilanden; de boomgroei wordt steeds +schraler, maar toch bedekt nog een licht, geelachtig groen de fijne +rotswanden. Dichter en dichter trekt zich de hemel om ons heen te +zamen, en in de onzekere schemering nemen de rotsachtige eilandjes +steeds phantastischer vormen aan. Het maakt den indruk, alsof wij +door een groote kudde voorwereldlijke reuzendieren omgeven zijn, die, +half in het water verborgen, zich plotseling op ons konden werpen, +om onzen notedop te verpletteren. O, anti-diluviaansche stemming! Men +zou hier weder aan de Scylla en Charybdis gaan gelooven. + +Zoodra echter de zon den sluier verscheurt, en een frissche wind uit de +IJszee de wolken uit elkaar jaagt, ziet men overal rondom ons toppen en +spitsen, en heel in de hoogte glanzen gletschers. Zoo stoomt en stampt +onze kleine "Hadsel" langzaam vooruit. Niet voor ieder passagier is +echter deze vaart een onvermengd genot. Meestal beschut ons, wel is +waar, de voor ons liggende keten van eilanden, maar als op open plekken +de zware deining van den oceaan ons scheepje bereikt, danst het lustig +op en neer, en menigeen buigt zich in stilte voor deze hoogere macht. + +Terwijl wij kort voor middernacht bij een glas warme groc--de +thermometer wijst maar een paar graden boven nul--in de kajuit bij +elkaar zitten, schitteren plotseling de ruiten der ronde venstertjes, +het koperwerk glanst helder op, het licht wordt gegrepen door onze +glazen op tafel en weerkaatst op onze gezichten. Daarna, in eens, +is alles weer koud en vaal. Het was de eerste luchtige groet van +de middernachtzon! + +Onze weg voert ons langs een der grootste vogelbergen van het +Noorden. Reeds van verre hoort men het krijschen der schuwe +dieren; naderbij gekomen ziet men ze in tallooze rijen op de rotsen +neergehurkt. Nu lossen wij een kanonschot en iets wonderbaars gebeurt +er. De berg schijnt als een veêren kussen uiteen gebarsten te zijn. Als +een wolk omhullen ons plotseling millioenen en millioenen vogels, +het is een oorverdoovend leven; wie naar boven ziet, meent zich in +een dichte sneeuwbui te bevinden. Wij vervolgen onzen koers, maar nog +zwermen de opgeschrikte vogels in dichte wolken rondom hunne rotsen. + +Eindelijk duikt de Noordkaap voor ons op. Scherp, als de ram van een +panterschip, steekt zij uit de oneindige zee op. Onze "Hadsel" vaart +er langzaam om heen en gaat dan in een door rotsen omsloten bocht +voor anker. De oever der vergetelheid. De zee ligt bijna doodstil, +de steile wanden hebben een vochtigen glans, hun kleur is staalgrijs, +erboven zijn dichte wolken opgestapeld, een sneeuwveld trekt zich +in een hoek terug en zendt een kleinen waterstroom uit, die met dof +gemurmel in zee valt. Overigens diepe stilte. Op den achtergrond in +de bocht een kleine hut, nauwelijks zichtbaar; daarin wonen een paar +visschers, en een Duitscher, die aan de zomertoeristen daarboven op de +hoogte prentbriefkaarten en champagne verkoopt. Met moeite beklimmen +wij den vrij steilen wand. Tusschen het sneeuwveld en den zigzagsgewijs +loopenden weg is een schoon bloemtapijt uitgespreid. In het langdurige +licht van den zomer komen hier de bloemen tusschen sneeuw en ijs met +wonderlijke kracht te voorschijn. Daar ziet gij een zeer zeldzame +soort van gevulde ranonkel; gele viooltjes komen te voorschijn, +geel en wit zijn over 't algemeen hier de heerschende kleuren. In de +vreeselijkste woestenij het heetste verlangen naar het leven! + +Juist toen wij het plateau bereikt hadden, omhulde een wolk den +geheelen top. Een oogenblik zagen wij totaal niets. Langzamerhand +gewent echter het oog aan de schemering en nu liepen wij, geleid door +een gespannen touw, naar de uiterste punt van ons vaste land. Wit +glinstert het graniet op den grond, daartusschen schittert een kleine +anjelier. Sneeuwhoenders loopen voor ons uit en verdwijnen in den +nevel. De branding wordt steeds luider, en spoedig zijn wij bij +het paviljoen, waar men, ter viering van het oogenblik, een glaasje +champagne pleegt te drinken. + +Maar waar is de zon? De stoomfluit maant ons reeds aan, terug te +keeren. Daar komt er plotseling beweging in de ons omringende massa's, +sneller en sneller trekken de nevelstrooken voort; op eens ontstaat een +breede spleet en ver aan den horizon, dicht boven de phosphoresceerende +zee staat de lichtende zonneschijf. Daarop valt het gordijn neder, +en verheugd over het genoten schouwspel, dat niet allen reizigers +naar de Noordkaap ten deel valt, beginnen wij af te stijgen. + +Onze "Hadsel" zet nu haar koers weer naar het Zuiden. Een kort bezoek +wordt gebracht van Hammerfest, dat zonder zon onder een regenzwangere +lucht een uiterst melancholieken indruk maakt. Maar dan komt een +glanspunt van den tocht, de Lyngen-fjord. Hier vereenigen zich zee +en bergen tot een grootsch natuurbeeld. Langzaam vaart de stoomboot +langs de steile rotswanden, en terwijl wij in stomme bewondering +op het dek neerzitten, trekt de eene gletscher na den anderen ons +voorbij, donkerblauw aan den bergrug hangend, met hun ijstong tot in +het donkere water reikend. + +Niet ver achter Tromsö opent zich dan eindelijk de wonderwereld van +het Noorden. De rotsenwildernis der Lofodden neemt ons in zich op. Het +is moeielijk met woorden een ook maar eenigszins gelijkend beeld van +dit zinnenverbijsterend schouwspel te geven. Is het een verzonken +gebergte of een nieuw uit zee opduikende wereld? De schoonste van al +de Lofoddenstroomen is de Raftsund. Een breede rivier midden door het +hart van een indrukwekkend gebergte. Hier ontsluiten zich voor het +oog beelden, die anders slechts de bergbeklimmer na een moeielijken +tocht te zien krijgt. De Troldfjord is het wonderlijkste in deze +wonderwereld. Het schip vaart recht op een loodrechten rotswand aan, +dan een kleine wending, en voorzichtig glijden wij door een smalle +spleet tusschen blanke, gladde granietmuren door. Nu drijven wij +op een klein, donkergroen Alpenmeer, onder in de diepte van een +ketel tusschen de bergen. Er omheen sneeuw en ijs; een waterval +stort zich met dof gebruisch in het meer, maar zijn spiegel blijft +onbewogen. Roode algen schijnen te roeien door het klare water, de +lomme duikt op en verdwijnt weder, de zwarte zeezwaluwen zweven langs +de rotswanden, anders alles doodstil! Alles houdt hier onwillekeurig +den adem in. Troldfjord noemen de Nooren deze plaats; iets spookachtigs +zit er in de lucht, een sprookjesstemming waart er rond. Hier hebben +de Grieken den ingang naar de onderwereld gezocht. + +Soolvär, de hoofdplaats der Lofodden, is ons laatste station. Daar +verlaten wij onze kleine "Hadsel", om met een grooter schip de reis +naar het Zuiden voort te zetten. In de oude kroningsstad Drontheim gaan +wij weer aan land. Nog omgeeft ons de ernstige natuur van het Noorden, +maar na het huiveringwekkende schoon, dat wij hadden gezien, scheen +ons hier het landschap lief en vriendelijk. Wederom legt de lichte +nacht zijn schemering over land en zee. Het is bijna middernacht, +als wij uit de stad naar buiten gaan, naar berg en bosch. Jongens +en meisjes komen ons tegen, hand aan hand, met bloemen getooid. Het +eene paartje na het andere; de nacht is hier ook zoo wonderlijk +licht. Frissche hooigeur doorwasemt de lucht. En terwijl wij nu +omzien en neerkijken op den zilveren fjord, is het ons als voelden +wij, na het doodsche van het Noorden, hier voor de eerste maal weder +den levenden polsslag van onze liefhebbende moeder natuur. + + + + +In het bergland van Tripolis. + +Naar het Fransch van A. de Mathuisieulx. + + +Mijn eerste onderzoekingstocht in Tripolis in 1901 was maar zeer +onbeteekenend geweest door opgekomen politieke moeilijkheden. Gelukkig +heb ik daarna nog twee reizen kunnen doen, namelijk in 1903 en 1904, +waarbij ik een veel uitgestrekter gebied heb kunnen bezoeken en meer +op mijn gemak dit deel van Afrika heb bestudeerd, dat tot hiertoe +nog zoo weinig bekend is. De onderzoekingen, in het geheele vilayet +ingesteld, tot de streken, behoorend bij Fezzan, worden in dit +verhaal weergegeven. + +Den 20sten Maart 1903 verliet mijn karavaan Tripolis bij het aanbreken +van den dag. Ik had buiten mijn eigen personeel den ouden Arabier +Hammer meegenomen, die mij reeds in 1901 had vergezeld, en dan den +jongen Maltezer Pepino. + +Wij sloegen ons eerste kamp zes kilometer ten westen van Tripolis +op, te Gargaresj, opdat onze lieden veel tijd ervoor zouden hebben, +want ze waren nog nieuwelingen in het werk, dat natuurlijk in den +beginne met veel misgrepen en onhandigheden gepaard gaat. De tenten, +de keuken, alles was in orde, toen de leden van het Consulaat-Generaal +van Frankrijk ons in den namiddag een bezoek brachten voor een laatste +afscheid. Daar mijn landgenooten den wensch te kennen hadden gegeven, +hier te dineeren, zette de fezzansche kok hun een vrij bescheiden +maal voor, dat echter door hen op de vriendelijkste manier tot gul +en hartelijk onthaal werd gestempeld. + +Toen de bedienden den volgenden morgen het kamp opbraken onder het +oppertoezicht van Pepino, bracht ik een bezoek aan de omstreken en +aan een dubbel graf van hooge antiquiteit, dat kort geleden gevonden +was in een onderaardsch vertrek. Dit monument, met fresco's versierd, +werd gebouwd door een weduwe, Arisuth genaamd, voor haar man Juratanus +en voor haar zelve. De namen van de bedoelde personen verraden reeds +hun afrikaansche afkomst, en wel een numidische voor den echtgenoot +en een semitische voor de vrouw. Zooals zoo dikwijls gebeurt bij +archaeologische ontdekkingen, hebben de opschriften van dit graf het +mogelijk gemaakt, een belangwekkend punt uit de geschiedenis op te +helderen. De heer Clermont Ganneau heeft er het bewijs in gevonden van +de opneming der vrouwen in de heidensche secte van Mithra. Mevrouw +Arisuth bekleedde daarin een eereplaats en had recht tot deelneming +aan de godsdienstige feesten. Tot nu toe had men gemeend, dat alleen +mannen tot den dienst van Mithra werden toegelaten, dien machtigen +arischen godsdienst, welks wieg dezelfde is als die van het gansche +menschengeslacht, en die zich over de geheele wereld heeft verspreid +gedurende de oudheid, zelfs tot de verst verwijderde grenzen van +Perzië ter eene, en de Zuilen van Hercules ter andere zijde. + +In de buurt van die graven gaat een romeinsche toren voort, met al +meer te vervallen. Het is waarschijnlijk, dat in de middeleeuwen de +Arabieren zich ervan bedienden voor de lijn van telegraafposten, die +ze langs de kusten der Middellandsche Zee hadden opgericht; bekend is, +dat een reeks van optische seintoestellen de afrikaansche kust volgde, +zoodat de berichten in een enkelen dag van Egypte naar Marokko konden +worden overgebracht. + +Vóór we ons zuidwaarts wenden, om ons in het binnenland te wagen, +volgen wij eerst de kust tot Aboe Adjila, om daarbij de ruïnen van de +haven Sabathra te bezoeken, die we in 1901 maar even hadden gezien. Op +die plaats werd ik ontvangen door een arabischen kaïmakan, een hoog +personnage. Ahmed Bey behoort tot de oudste en rijkste familie uit +Tripolitanië; daaraan heeft hij het te danken, dat hij reeds op +zeer jeugdigen leeftijd een prachtige oase te besturen kreeg, waar +omheen de weelderigste havervelden lagen, die ik ergens in Afrika +heb gezien. Om mij het verblijf bij de ruïnen van Sabathra aangenamer +te maken, laat hij een arabisch kamp oprichten aan den oever en laat +er gerechten heen brengen, die een verrassend menu vormen in een zoo +van voedingsmiddelen misdeeld land. + +De vrijheid van handelen en het schoone jaargetijde staan mij thans +toe, de overblijfselen van Sabathra te bestudeeren, voor zoo ver dat +mogelijk is in het turksche dorp, waar opgravingen strikt verboden +zijn. Die ruïnen op 80 KM. afstands van Tripolis zijn die van een der +drie handelsplaatsen, welke daar hebben gelegen. Evenals te Oea en +Leptis Magna waren ook hier de Phoeniciërs de stichters, die er een +karakteristieken naam aan hebben gegeven, want Sabathra beteekent +Korenmarkt. De Romeinen maakten er een gemeente van en verhieven +de plaats tot kolonie. De moeder van Titus en Justinianus, die er +beiden geboren werden, stelde bijzonder veel belang in de stad. De +plotselinge achteruitgang en de latere totale ondergang van de plaats +dateeren van de invallen der Arabieren. + +Het zand bedekt bijna geheel de kostbare resten, en de zee ondermijnt +de mooie muren van de haven. Naarmate de wind een hoekje der duinen +opruimt en een standbeeld voor het licht brengt, of een zuil, of wel +een mozaïek, haasten de dweepzieke Arabieren zich, die relieken der +gehate Roemi's te vernielen. Gelukkig bewaart het zand trouw en goed +die historische rijkdommen, en er zal een heele schat van in te zamelen +wezen, als eenmaal verlof tot opgraven zal worden gegeven. De sporen +der wallen en andere duidelijke resten toonen inderdaad, dat daar een +groote en rijke stad moet hebben gelegen; de lengte was meer dan drie +kilometer langs de kust; er waren zeer veel paleizen en tempels, en het +theater kon tien duizend toeschouwers bevatten. Men kan nog de plaats +onderscheiden, gereserveerd voor de Garamantes-stammen uit Fezzan, +die er hun tenten kwamen opslaan ten tijde van de groote jaarmarkten. + +Waaraan moet de keus voor de plek van deze zeehandelsstad worden +toegeschreven? Dit deel van de kust biedt toch in het minst geen +beschutting aan. Gebouwd aan een der einden van de bebouwde zone en +ver van de vermaarde zoutwerken van Zarzis, kon ze geen middelpunt +voor landbouw of industrie worden. De ligging van Sabathra laat zich, +naar mijne meening, alleen verklaren als directe uitvoerhaven van +Rhadames, het oude Cydamus, bij den doorgang van den breeden pas van +Djado, waar de karavanen door gingen, en waar ze nu nog passeeren, +om zoo de streek van Rhadames met de zee te verbinden. + +Tusschen de kust en Djado heeft men over een breedte van 100 KM. de +groote vlakte, een uitgestrekt gebied van laag land, Djeffara genaamd, +den toegangsweg van de zee naar het hooge plateau in het binnenland. De +vlakte loopt onmerkbaar op naar den voet der hooge rotsen van den +Djebel of het bergland, waar ze door een reeks van onafgebroken +verhoogingen eindelijk 300 M. hoogte bereikt. + +Gedurende de zes-en-vijftig uren rijdens door Djeffara moesten wij +steeds op onze hoede zijn, vooral des nachts, want arabische roovers +zwerven onophoudelijk door deze streek, op de zoek naar een karavaan +of een kamp, die niet voldoende beschermd zijn. + +Het zand, dat afkomstig is van het verweerende gesteente, dekt de +meeste der kleine heuvels, welke zich op de vlakte verheffen; maar +tusschen die onbeteekenende hoogten vinden de Arabieren soms water +genoeg, om haver te planten, omdat een laag van blauwachtig leem het +regenwater vasthoudt. + +Djeffara is in dit gebied veel minder dor dan in het Zuiden van +Tripolitanië. Dit jaar is de oogst bijzonder goed geweest. Wij +ontmoeten dan ook dikwijls inboorlingen, die hun voorraad in naburige +silo's bergen. Zoo worden hier als elders de onderaardsche bergplaatsen +genoemd, die in den vorm van een karaf worden gegraven met een +nauwen ingang van boven. Men daalt er in af met een touw van alfa +en de opening wordt gesloten met een grooten steen. De inrichting +laat zich misbruiken voor verschrikkelijke dingen. Zoo heeft in +het weidegebied van Montsor een Arabier onlangs zijn broer levend +begraven, omdat hij diens erfenis begeerde. Toen men het lijk vond, +bleek, hoe de ongelukkige tegen de verstikking geworsteld had. + +De weg, dien men volgt in Djeffara, is aangewezen door de punten, +waar water te vinden is, en die op groote afstanden van elkander +liggen. De putten aanvankelijk in de buurt van de zee niet zeer diep, +nemen snel in diepte toe. In zeer harden grond gegraven, bevatten ze +een helder water, dat van uitstekende qualiteit is; maar het ontbreken +van een steenen rand om de putten en van toestellen, om het water +op te hijschen, gevoegd bij de zorgeloosheid van de Arabieren, doet +het zand van boven steeds in den put vallen en maakt het vocht vuil +en modderig. Om water te putten, maakt ieder voorbijganger een touw +los van zijn kameel en laat den zak van schapevel zakken, die het +voornaamste stuk huisraad is in een nomadische huishouding. Indien +de kampen niet te ver af zijn, nemen ze soms een koe mee, waaraan ze +het uiteinde van het touw vastmaken, en het dier hijscht den vollen +zak op, door zich van de opening te verwijderen. + +Op die vlakten ziet men in het verblindende licht alles wit. De +overdaad en de scherpte der zonnestralen eten de kleuren op, en +het oog heeft moeite de bijzonderheden te onderscheiden. Het zand, +de wol van de kudden, de kleeding van de inboorlingen, alles wordt +op korten afstand reeds een verwarde massa. Alleen de kleine vlekjes +menschelijk aangezicht vormen bruine ovaaltjes, en het mooie licht, +dat overal elders zooveel vroolijkheid brengt, is hier de bron van +een onverbiddelijke melancholie. + +Voordat wij den voet van het groote tripolitaansche bergland +hebben bereikt, passeeren we nog twee smalle zones, die ermee +evenwijdig loopen, eerst een lint van weiden, dan een tweede lint +van reuzenkeien. Het eerste is een gevolg van de wadi's der hooge +gronden, die daar alle doodloopen op een tiental kilometers afstands +van de Djebels, en den grond vruchtbaar maken; het tweede is het +bekken, waarin het bergpuin zich verzamelt. Die beide strooken, zoo +verschillend van aanzien, zetten zich onafgebroken voort van de grens +van Tunis tot Tarhoena over een lengte van meer dan 200 K.M. + +De bestijging van de rots, ofschoon vergemakkelijkt door de bressen, +die vroegere waterstroomen erin hebben geslagen, vereischt drie of vier +uur arbeids, de reiziger kan zich op de klimpartij voorbereiden door +in de oase aan den voet uit te rusten. De palmentuinen van Sjeiksjoek +beneden Djado boden ons een rustgelegenheid, waaraan mijn lieden de +grootste behoefte hadden. + +De bewoners van die tuinen vegeteeren in een armzalige armoede, en +de koorts woedt er met ongekende hevigheid door een naburige bron, +die in een moeras uitloopt. + +De steensoort van Sjeiksjoek dient voor de vervaardiging van +molensteenen, die de bewoners van den stam der Sjograns te Tripolis +verkoopen, om in hun behoeften te kunnen voorzien. Dichtbij het +dorp kan men nog het graf vinden van Aboe Obeïda, een plaatselijke +beroemdheid, die over de heele streek gezag uitoefende en zich in +bloedige gevechten wikkelde met de Berbers van de hooge plateaux, +om de macht te behouden, hem door den imam geschonken. + +Op den 28sten Maart bestegen wij te voet de wijde spleet bij Djado, +waardoor de rivier Djinaoen het bergland verlaat. De kameelen +en paarden volgden ons en klommen minder moeilijk dan wij door +dien doolhof van verbrokkelde rotsen, waar voetpaden op de schuine +hellingen boven onpeilbare afgronden smalle linten vormen. Zoo ging +het door palmboschjes, die hier en daar in de holten gegroeid waren +en soms boven het ledige schenen te hangen als kraaiennesten op den +nok van kathedralen. + +Als men ze van dezen kant nadert, lijken de hooge gronden van Tripolis +op een echt bergland, en men kan best begrijpen, dat de inboorlingen +den naam van Djebel gegeven hebben aan deze noordgrens van het plateau, +vanaf de bergen van Tunis, waarmee zij samenhangt door Doeïrat, tot +aan Gariana toe. Maar in werkelijkheid is het niets anders dan een +eindeloos vlak terras, dat naar Djeffara steil afloopt met een muur +van 800 M. hoogte. De atmosferische invloeden hebben niet weinig +ingewerkt op deze grens en hebben er over een terrein van 10 tot +12 K.M. in de breedte diepe kloven in uitgehold vol bochten, hebben +alleenstaande toppen afgeslepen en, zware steenblokken ondergravend, +ze als gevaarlijke uitsteeksels boven afgronden opgehangen. Heeft +men eenmaal den schilderachtigen doolhof van dit verweerde gebergte +beklommen, dan ziet men voor zich tot in oneindige verte de vlakke +en eenvormige uitgestrektheden van Afrika's binnenland. + +De wijdste spleten tusschen de rotsen dienen tot doorgangen tusschen de +lage landen en het plateau. Zooals te Gariana en te Kikla de wegen naar +Fezzan geopend worden, zoo opent de kloof van Djado, die wij zullen +passeeren de route naar de oasen van Rhat en Rhadames aan de kust. + +De naam Djado is die van het dorp, waarboven de Turken hun fort +hebben gebouwd; de toppen van het dal dragen veel dorpen, tot het +administratieve district Fossato behoorend. Rondom die naar de vlakte +open baai vormen de plaatsen Moghat, Ojlin, Mesdoe, Endabas, Masgoera, +Oeïfat en Regreg volkrijke middelpunten, omringd door olijfboomen. + +In Tripolitanië hebben de invallen der Arabieren de Berbers +teruggedrongen in de Djebels, en die laatsten zijn daardoor bijna +uitsluitend bergbewoners geworden, zooals ook met hun broeders, +de Kabylen uit Algerië het geval is. Alleen zij, die zich hebben +verscholen in de oase van Rhadames en op het eiland Djerba maken daarop +een uitzondering. Die Berbers, even werkzaam als de Arabieren lui zijn, +houden zich met landbouw bezig. Bij hen is op de kleinste bebouwbare +plekjes, die beschermd worden door steunmuurtjes op de steile hellingen +der kloven, haver geplant; andere minder bewerkte gedeelten, waar +het verweerde bergland in de vlakte begint af te dalen, dragen mooie +aanplantingen van olijfboomen. Ik heb er besproeiingswerken gezien, +die voor onze europeesche ingenieurs onmogelijk zouden zijn. Ook +kan men zeggen, dat de bergen van Nefoesa het rijkste deel zijn van +het vilayet. + +De geschiedenis van deze Berberstammen moet nog worden geschreven. De +arabische auteurs leveren ons geen gegevens voor de verschillende +perioden; de geschriften van de bergbewoners zelven, in het Arabisch +vervat, maar in Tamazirletters zooals die van de Toearegs, worden in +de moskeeën angstvallig bewaakt door de kadi's. Ik heb te vergeefs +beproefd, mij die kostbare boeken te verschaffen, door er sommen voor +aan te bieden, die in dit land een fortuin vertegenwoordigen. Geen +enkele inboorling was bereid, zulk een heiligschennis te plegen. + +Het is zeker, dat men in de Berbers, die tegenwoordig in Tripolis +wonen, geen rechtstreeksche afstammelingen kan zien van de volken, die +bij Herodotus en Strabo worden genoemd. Men vermoedt, dat een stam uit +Azië of Ethiopië zich vermengd heeft met de oorspronkelijke bewoners, +en dat zoo de stammen van Zoeara, Nefzaoea enz. zijn ontstaan. + +Men ontmoet dikwijls onder die bergbewoners, die zeer donker zijn, +enkele blonde individuen met blauwe oogen, juist als in Algerië +en Marokko. De oorsprong van die talrijke afwijkingen blijft nog +onverklaard en de verschillende hypothesen, opgesteld om ze op +te helderen, spreken elkander tegen. Op grond van het bestaan der +monumenten van groote steenblokken of megalithen, die volkomen gelijk +zijn aan die van Europa, geven enkele geleerden ons als broeders +blonde bergbewoners uit Noord-Afrika; andere zoeken ze in Midden-Azië +of in Ethiopië. De theorie van de eenen steunt op het bestaan van die +typen in Egypte, die der anderen op de aanwezigheid van het blonde +ras in Algerië. De onwetendheid, waarin men verkeerde ten aanzien +van Tripolis, wees van beide zijden deze streek aan als grens der +verhuizingen van uit tegengestelde richtingen. De aanwezigheid van +individuen van het blonde type is geheel berbersch. Tripolitanië +zal de quaestie nog maar meer ingewikkeld maken, tot een of ander +archaeologisch document, dat onbetwistbaar is, haar kome oplossen. + +Hoe het zij, bruin of blond, de Berbers van Tripolis vormen een zeer +apart ras, afgezonderd van de arabische wereld, die door hen veracht +wordt en waarvan ze zich altijd afgezonderd hebben gehouden in die +mate, dat ze nooit een huwelijk toelieten tusschen de vrouwen uit de +bergen en de afstammelingen der overweldigers. De Islam is er verspreid +geworden, maar de standvastigheid van het ras heeft een menigte oude +leerstellingen behouden, waardoor hun godsdienst veranderd is in een +bijzondere secte van den abhadietischen tak. Men vindt er christelijke +overleveringen in terug, vermengd met heidensch bijgeloof, zooals bij +de bewoners van het land Mzab in Algerië, waaraan zij nauw verwant +zijn. De lieden van Nefzaoea, Rhadames en Mzab gehoorzamen aan een +kerkelijk hoofd, die in Oman zijn zetel heeft. + +De tripolitaansche Berber gevoelt zich krachtig en flink en is zeer +ingenomen met zijn betrekkelijke onafhankelijkheid, die hij in het +midden van de vorige eeuw dapper tegen de Turken heeft verdedigd, +zooals hij dat in de elfde tegen de Arabieren had gedaan. Ook +onderhoudt het turksche gouvernement te Djado alleen een garnizoen van +achthonderd man, wier citadel de heele streek beheerscht. De woeste +stammen mogen in het geheel geen vuurwapenen bezitten, en ze blijven +thans rustig in hun dorpen en komen 's avonds samen, om elkander +met verhalen over de heldendaden van de voorvaderen te vermaken. Die +bijeenkomsten, waar de roem van den vermaarden Roema het voorwerp is +van een waren eeredienst, eindigen meestal met vaderlandsche liederen, +vervat in de taal, die ook de Toearegs van de Sahara gebruiken. +De moderne beschaving heeft geen vat op deze menschen, die de hulp +van een geneesheer weigeren en liever sterven onder de handen van +onwetende toovenaars. Zij voeren de matigheid zoo ver, dat ze zich +van sigaretten en thee onthouden, omdat het gebruik van tabak en +thee zonde is in hun oogen. Toch is het bekend, hoe de menschen in +Afrika op het rooken gesteld zijn, en hoeveel ze van thee houden, +die overal voor koffie in de plaats komt. + +Te Djado, zooals in bijna het geheele bergland, is het water +ondrinkbaar door de vele magnesia, die het bevat. De bewoners moeten +daarom naar de vlakte, om zich van het noodige te voorzien. De +turksche troepen, genesteld in hun kasr of vesting ter hoogte van +750 M., gebruiken een kudde kameelen voor het opvoeren van de gevulde +waterzakken, hetgeen een groote vermeerdering van kosten meebrengt. + +Daar de belastingen overal in natura worden opgebracht, zoowel in +mannen als in dieren en landbouwproducten, regelt de ottomaansche +regeering die naar een omslag, verschillend naar de opbrengst der +verschillende streken. Te Djado betalen een man en een kameel een +éénheid, dat wil zeggen, dezelfde belasting als twee koeien, of tien +schapen, of vijf-en-twintig geiten, of vijf-en-twintig olijfboomen, +of vijftig palmboomen, of tweehonderd vijgenboomen. + +De moskeeën, die op enkele hoogten in het district Fossato staan, +zijn oudtijds het godsdienstig middelpunt geweest der Nefoesiërs. De +historische en philosofische wetenschap zijn er nog in eere, en de +Berbers beschouwen het gansche district als een heilige plaats. Maar +eenige van die moskeeën zijn tegenwoordig verlaten, en daar moeten, +naar booze tongen verhalen, zeer weinig stichtelijke dingen gebeuren. + +Als men Naloet bereikt aan het westelijk uiteinde van het gebied +der Berbers, gaat men langs den voet der rotsen, en wij maken van de +gelegenheid gebruik, om den geologischen bouw van die mooie, loodrechte +wanden na te gaan. Op dezen weg passeeren we de tallooze stroompjes, +die voor de afwatering zorgen van de hoogte, maar nu droog zijn. Zij +graven ondiepe beddingen in Djeffara. + +Bij de oase Djoch vond ik romeinsche ruïnen, te herkennen alleen aan +eenige brokken muur. Toch was dit een voorname plaats, Sabria genoemd, +naam die ook wel gegeven werd aan Sabratha aan de kust der zee. Die +naam, die ontwijfelbaar van vreemden oorsprong was, duidt dus een +in het binnenland liggend Sabratha aan, waarvan veel geleerden het +bestaan geloochend hebben, ondanks de beweringen van Ptolemaeus. De +grieksche aardrijkskundige was beter ingelicht dan wij, en als er een +marktplaats bestond voor de groote haven aan de Middellandsche Zee, +dan moest het hier wezen, bij een der hoofddepots, waar het plateau +op de vlakte uitkwam. + +Iets verder doet zich de oase Tizi voor, waar een ondragelijke stank +viel waar te nemen. Toen we er aankwamen, vonden we er een troep +Arabieren, bezig met een bron bloot te leggen, door met hun handen +in den grond te graven. + +Dit werk, waarmee ze al een maand aan den gang waren en dat op de +alleronhandigste manier werd gedaan, heeft water over den omtrek +verspreid; het gaat tot bederf over en vergiftigt de buurt. De grachten +om het kerhof liggen vol lijken, die men zich de moeite niet geeft +te begraven; en we zagen menig geraamte, waarvan het doodshemd tot +lompen is geworden. + +De ingang van de kloven van Naloet is nog grootscher dan die van +Djado. Het dorp, dat de inboorlingen liever Daloet noemen, ligt op +750 M. hoogte op den top van een steile rots, die over afgronden van +tweehonderd meter heen hangt. Een der woningen is gebouwd tegen de +bijna loodrechte wanden van de rots, een ander ligt verspreid over +het begin van het plateau. De oorsprong van een rivier dient tot +hoofdstraat. Enkele van de andere straten zijn zoo nauw dat een man +er niet langs kan gaan, zonder zijn schouders te stooten. Het dorp +bestaat ten deele uit ondergrondsche woningen, want er zijn een massa +troglodyten in het bergland van Tripolis. + +De Turken hebben een fort gebouwd op een helling van de kloof; +daartegenover staat tusschen de hutten een oude citadel, geheel in +de rots uitgehouwen, zonder een enkel laagje steenen. Daar borgen +de bewoners hun rijkdommen en daar vonden ze een schuilplaats in +tijden van gevaar. Tegenwoordig bergen ze er nog hun koopwaren +en hun voedingsmiddelen. Elke familie heeft haar eigen magazijnen +in de vesting; in de rotswanden zijn de bergplaatsen gehouwen. En +de driehonderd openingen, vrij regelmatig gerangschikt, geven aan +het geheel het aanzien van een columbarium of romeinsche grafkamer +met haar vele nissen voor de urnen met asch. Des morgens komen de +huisvrouwen er weghalen, wat ze noodig hebben voor het maal van den +dag; in den namiddag ziet men er de mannen hun handel drijven als op +een markt, waarna ze den sleutel aan den bewaker ter hand stellen, +die den naam van dellal draagt. Er is geen trap, om bij de bovenste +openingen te klimmen, en de eigenaars hijschen zich tot vijf of zes +meter in de hoogte, door zich aan de uitspringende gedeelten van de +rots vast te houden. + +Naloet lijkt als alle dorpen van den Djebel in de verte op een hoop +puin, omdat de huizen er zijn aangelegd met de allergrootste minachting +voor de rechte lijn en het effen vlak. De muren van pleister en steenen +staan scheef en dragen een dak, dat een chaos is van balken van olijf- +en palmhout. + +Wat mij het meest verbaasde, is dat er geen ongelukken aan de +kinderen overkomen in dit dorp boven afgronden, waar in de diepte +nooit een zonnestraal doordringt. Ik zag er een troep jong goedje +in lompen spelen aan den rand van gapende diepten, die iemand een +huivering aanjagen. Van daar overzag men een panorama, dat zich +tot dertig kilometer in het rond uitstrekte; aan den eenen kant de +verweerde bergmassa's, aan den anderen de effen oppervlakte van het +plateau. In een paar spleten waren palmboschjes gegroeid, waar beekjes +hun oorsprong namen. + +De huwelijksplechtigheden hebben veel eigenaardigs in Naloet. Vier +geheele dagen lang blijven de genoodigden opgesloten en slijten den +tijd met het eten van hoopen meel, met olie aangemengd. Op den dag +der plechtigheid gaat de bruid eerst haar linnengoed wasschen in +het geleide van een escorte van jonge meisjes. Door de vriendinnen +wordt ze dan naar het huis harer ouders teruggebracht, en het echte +feest begint met het zingen van gehuurde koorzangers. Een kameel +met een palankijn van levendige kleuren voert daarna de bruid naar +haren echtgenoot tusschen ruiters, die zich aan de meest woeste +fantasia's overgeven. Alle aanwezigen blijven buiten de woning van +de jonggehuwden en wachten, tot de echtgenoot hun komt mededeelen, +dat de huwelijksvereeniging heeft plaats gehad. Op dat moment gaan van +alle kanten voetzoekers af, om in de naburige dalen te verkondigen, +dat er een huwelijk is voltrokken. + +De ingewikkelde ceremoniën zijn daarmee niet afgeloopen, maar duren +nog wel een week, waarbij ook de nachten aan spel en braspartijen +zijn gewijd. Soms hebben gefingeerde schakingen plaats tusschen jonge +mannen en jonge meisjes, en grijsaards komen dan tusschenbeide, om +vrede te stichten tusschen de schuldigen en hun ouders. Dat zijn nog +eens bruiloften, waar men zich vermaakt! + +De kaïmakan van Naloet is een beminnelijke grijsaard, die aan een +heupziekte lijdt, gevolg van een ongeluk, dat hij een twintigtal +jaren geleden heeft gehad. Terwijl hij zich mengde in een bloedige +vechtpartij, om er een einde aan te maken, had hij een kogel +ontvangen, die nog niet is verwijderd. Voor mij was deze ambtenaar +vol oplettendheden; zelfs werd ik genoodigd op een revue over de +troepen van het garnizoen en genoot de eerbewijzen, die aan generaals +toekomen, wat geen kleinigheid was voor een officier buiten dienst, +die het nooit tot de hoogere rangen heeft gebracht. + +Ongelukkig kon ik niet de toestemming krijgen om tot Rhadames door +te reizen, waar wij nog slechts 250 K.M. van verwijderd zijn. De +gouverneur-generaal, bij wien ik nog een poging deed, om verlof +te krijgen, gaf een categorisch weigerend antwoord, het gevaar +voorwendende, dat een Europeaan in die groote targuïsche stad liep. Ik +moest mij tevreden stellen met kleine uitstapjes in die richting, +en daarna ging het naar Wazzen, het laatste bewoonde middelpunt op +de grens van Tunis. + +Van Naloet keerden we op onze schreden terug, om geheel het bergland +van het Westen naar het Oosten door te trekken, maar dezen keer over +den kam van het plateau, hetgeen ons in staat stelt, alle berbersche +districten te bezoeken. De eerste dagreis brengt ons te Mahmoed, +een vesting, even hoog gelegen als de vorige. Het zigzagpad, dat +er heen leidt, is zoo steil, dat de kameelen kermen en ten slotte +uitgeput stilstaan. Wij moesten ze ontladen en de pakken één voor +één naar boven dragen. Ik moest mijn met spijkers beslagen schoenen +uittrekken, want de geringste glijpartij zou mij op een leelijken +val zijn te staan gekomen. + +Te Mahmoed is een deel der bevolking arabisch. Het is een der weinige +plaatsen, waar de stroom der veroveraars uit de elfde eeuw er in +geslaagd is, een der inhammen binnen te dringen, die tot boven op het +plateau voeren. Ongeveer honderdvijftig huizen en enkele olijfboomen +staan om de vesting. Het zeer smalle deel heeft mooie aanplantingen +van olijven van, naar het mij voorkomt, nog jongen datum. + +Onze weg liep nu verder in rechte lijn achter de laaglandzone en wij +naderden die alleen, om de berbersche districten te bezoeken. Het +volkomen verlaten plateau was met alfagras in dikke bundels begroeid, +waarbij niemand op het denkbeeld komt, ze te exploiteeren, omdat +men er te ver van de zee is verwijderd, waar schepen dit gras laden +voor de papierfabrieken in Europa. Mijn gids, een kloeke Berber +met koperkleurige huid, bukte zich herhaaldelijk, om iets van den +zandigen grond op te rapen. Op een goeden dag bracht hij mij een gevuld +zakje; het waren witte truffels, die hij onderweg had ingezameld. Dit +knolletje heeft volstrekt niet den geur van zijn broertje uit Périgord, +en het is, of men een raap proeft. + +Mijn mooie gids, die op den naam van Ikissa antwoord geeft, heeft +geen flauw begrip van tijd, noch van ruimte, hetgeen trouwens een +gebrek is van veel nomaden. Als ik hem vraag, hoe lang het nog duurt, +voor we bij de aangewezen plek voor het kamp zijn, kan hij mij altijd +alleen deze aanwijzing geven: "We zijn er niet ver meer af, we zullen +er spoedig wezen," en dan hebben we vaak nog vier of vijf uur vóór ons. + +Zoo kwamen we op een avond zeer laat te Kabao, waar volgens de +inlichtingen van Ikissa ik om drie uur in den namiddag had gehoopt +aan te komen. Onze lieden waren zoo vermoeid, dat ieder ging slapen +zonder avondeten. Maar wat was het een prachtig gezicht, toen de +aanbrekende dag ons de stad vertoonde, hangend, als het ware, boven +een diepen afgrond in een omlijsting, die het mooiste, wat de fantasie +van Gustave Doré geschapen heeft, overtrof! + +Rabao heeft een in de rotsen uitgehouwen vesting, zooals Mahmoed en +Naloet, en die bestemd is voor hetzelfde doel. Het is de laatste, +die wij zullen aantreffen. De stam van dit district, Baraba genaamd, +is zeer geleerd en voorziet de geheele streek van priesters en +godsdienstleeraars. Ongeveer vierhonderd huizen omringen den kasr +en loopen door tot een moskee onder grond in een kloof, die op een +reuzenwagenspoor geleek tusschen twee steile wanden van wel honderd +meter hoogte, door nauwelijks twintig meter gescheiden. + +De bebouwde centra zijn hier op ongeveer vijftig kilometer afstands +van elkander, zoodat elk een dagreis voor ons is. Onze voorraad +zou ons wel vergunnen, ons kamp op te slaan op het eenzame plateau, +maar het is beter, zuinig te zijn met onze middelen in een land, waar +men niet juist den duur van het verblijf kan bepalen. Overal waar we +stil hielden, werd een schaap geslacht, en er werden bergen rijst +aangevoerd of meel voor de karavaan, tegen prijzen, die in Europa +belachelijk zouden klinken, maar die daarom toch hoog zijn in Nefoesa. + +Landbouw en schapenteelt, die met zorg worden beoefend in de dalen +tusschen de bergen en op enkele gedeelten van Djeffara of van het +plateau, zijn de middelen van bestaan voor de bergbewoners. Aan +havermeel, olie, vijgen en vleesch hebben ze zelden gebrek. In October +begint het oogsten der olijven. De vijgen worden in April geplukt. De +wijnbouw, die beoefend wordt op velden, waar de ploeg overgaat, houdt +meer in het bijzonder kleine joodsche koloniën bezig, die verlof hebben +er wijn te vervaardigen uit druiven, een wrang smakend wijntje. Het +vee vindt in het slechte jaargetijde een schuilplaats in grotten; +en als de eerste lauwe winden van de lente waaien, verspreidt het +zich over de weiden van het plateau. + +Sommige Berbers gaan zaaien tot midden in Djeffara. Ze laten +hun vrouwen in de dorpen, om de woningen te bewaken en wollen +kleedingstoffen te maken. Na drie maanden van afwezigheid komen die +kolonisten dan terug. + +Te Tramezin, als overal, waar geen bronnen zijn, hebben de inboorlingen +waterréservoirs aangelegd, die in den winter boordevol loopen. + +Slamat heeft een arabische bevolking, net als Mahmoed, en mooie +vijgenboomen. Te Rhebat is de dichter Ismaïl geboren, die volgens +Sjemmaki nooit één leugentje in zijn verzen liet binnensluipen. Die +Ismaïl, die zijn gedichten zelfs in de gevangenis schreef, was +daarbij een profeet. Toen hij Tripolis verliet, waar de pacha hem +langen tijd in boeien had laten smachten, sprak hij over de stad +den volgenden vloek uit: "Dat Grod u een vijand zende, die noch Hem, +noch de zonde vreest!" En zeer kort daarna maakten de Christenen zich +van Tripolis meester. + +Wij passeerden Djado, zonder er ons op te houden ondanks het +vriendelijk aandringen van den kaïmakan. De tijd drong, en wij konden +dien niet besteden in plaatsen, waar we reeds geweest waren. + +Zentan, 20 K.M. ten oosten van Djado ligt nog hooger dan de andere +plaatsen aan het begin van het bergland. De Senoessi's hebben er een +klooster in Elgoeassen en hebben rijke kudden van vrouwelijke kameelen +voor de fokkerij. De meeste der woningen zijn onderaardsch. Ik +geloof, dat het aantal inwoners de duizend overtreft, van wie de +meeste landbouwers zijn. Er zijn veel oliepersen aan het werk, +door kameelen in beweging gebracht, die met verbonden oogen in de +molens rondloopen. De afval, tot koeken gemaakt, wordt bewaard en +als veevoeder gebruikt. + +Yffren kende ik reeds, daar ik er in 1901 had vertoefd, maar ik moest +er nu stilhouden, om een bezoek te brengen aan den gouverneur-generaal +van de Djebels, die er resideert. Die hooge ambtenaar had recht +op mijn dankbaarheid, want aan zijn behulpzaamheid hadden wij de +ontvangst te danken, die onze expeditie overal te beurt viel op zijn +grondgebied. Daarbij had de beminnelijke monteçarref, zoo is zijn +turksche titel, mij geschreven, dat hij mij in persoon eenige dagen +wenschte te vergezellen op mijn verdere reis. + +Wij kwamen juist te Yffren, toen een nieuw bataljon het oude kwam +aflossen, dat er sedert een jaar verblijf hield. Het stadje was +in groote drukte. De grootste en bontste levendigheid heerschte +rondom de vesting en in de café's van Tagrebost. De esplanade vóór +de kazerne weerklonk van het gehinnik der duizend kameelen, welke de +benoodigdheden voor het nieuwe garnizoen hadden meegebracht. En dat +alles gaf aan dit afgelegen hoekje in den verblindenden zonneschijn +een vroolijkheid, die men er zelden zal treffen. + +De Turken hebben een modern fort gebouwd op de plaats van de oude +vesting, waar de Berber Roema in 1850 het turksche garnizoen opsloot +en zoo voor een korten tijd het geheele district aan de overweldigers +ontrukte. De herinnering aan den moedigen patriot is er dan ook nog +levendiger dan elders. Dagelijks hoort men de heldendaden roemen van +dien eersten schutter, die bij den krijg aan zijn omgeving den vijand +aanwees, dien hij raken wilde en als hij het geweer tegen zijn wang +had gelegd, nooit zijn schot miste. Zijn belangrijkste tactiek bestond +in een nadering gedurende den nacht tot aan den voet der vestingen met +al zijn aanhangers, die veel stroo droegen. Door middel van ladders en +lange stokken wierpen dan de belegeraars bossen brandend stroo over de +wallen en meestal stierven de garnizoenen den dood door verstikking, +vóór ze zich nog hadden kunnen overgeven. + +Bij mijn nieuwen gastheer vond ik een uitstekende keuken, waar onze +vermoeide magen de grootste behoefte aan hadden. Aan tafel was een +jonge gazelle van de partij, die uiterst aanhalig was en die allerlei +lekkers kreeg. Maar liever dan iets anders had ze een snuifje tabak. + +Toen we ons den 15den April weer op weg begaven, was onze karavaan +vrijwat aangegroeid door het gevolg van den monteçarref Yoessoef, die +vergezeld werd door zijn secretaris-generaal, zijn uitstekenden kok, +een menigte bedienden en politiebeambten en eindelijk door de jonge +negerin Zenep. Dit krachtige, mooie meisje van ongeveer twintig jaar +wist niets van haar eigen afkomst. Al in haar eerste jeugd was zij +door kooplieden van haar ouders weggevoerd en was naar Fezzan gebracht, +waar de turksche overheden haar in vrijheid hadden laten stellen. + +Ons doel was nu het district Orfella, dat is het zuidoostelijk gedeelte +van het tripolitaansche plateau. + +Geheel Tahar, zooals men het binnenland van het groote plateau wel +noemt, helt af naar het Zuiden. De helling begint al bij den noordrand, +zoodat de grond aan de Middellandsche Zee snel daalt, terwijl de kant +van de Sahara geleidelijk overgaat tot de hoogte van Rhadames en +Sokna. Een andere helling is aan den oostkant, maar die is nog van +minder beteekenis dan de eerste. De wadi's Soff ed Dinn en Zemzem, +de groote waterbergplaatsen van de streek, zouden dus zich naar het +Zuiden moeten richten; maar zij stuiten op reeksen kleine rotsen, +evenwijdig aan die van de Djebels, waarlangs ze genoodzaakt zijn een +abnormale richting in te slaan, die ze naar de golf der Groote Syrte +voert. Om van Yffren naar Orfella te gaan is de rechte weg, en de +eenige bruikbare vanwege het water, de bedding van een dezer wadi's, +de Soff ed Dinn. Wij betraden die bedding op eenige kilometers afstands +van Djendoeba, waar we ons ophielden, om interessante ruïnen te zien. + +We hielden er een triomfantelijken intocht, in staatsie begeleid door +de notabelen van de plaats, die toegesneld waren voor de begroeting +van hun grooten turkschen heer. Een talrijk escadron omringde ons +met hulde, en de levendige, kleine paardjes van de inlanders gingen +ten slotte allen aan het galoppeeren. Toen we het punt bereikten, +dat voor het kamp bestemd was, konden velen hun paarden niet inhouden +en reden een heel eind door. + +De ruïnen van Djendoeba komen plaatselijk overeen met het Vinaza van +de bekende route van Antoninus. De inboorlingen noemen de plaats +tegenwoordig Ibaria of Jeriben. Ik heb daar veel overblijfselen +gevonden van een dorp op een reeks van heuvels. Goed bewaard waren +die van een christelijke basiliek, waar men de byzantijnsche kruisen +nog op vele plaatsen kan herkennen. + +Er bestaan in Tripolis verscheiden sporen van het Christendom, +dateerend uit den tijd toen de keizers in Konstantinopel regeerden, +of liever te Byzantium. Het zijn geen kluizen voor eenzamen zooals in +Boven-Egypte, maar kloosters en kerken, zooals Pacho in zoo grooten +getale heeft gezien op het cyreneïsche plateau. Zulke koloniën van +geloovigen en getrouwen vindt men tot aan de uiterste grenzen van +het vilayet en ze bewijzen, dat in den aanvang hunner heerschappij +de overheerschers, die het mohammedaansche geloof aanhingen, de +christelijke ongeloovigen met rust lieten. Maar dezen, die te kampen +hadden tegen aanvallen van de zuidelijker wonende volken, versterkten +hun woningen en verscholen zich erin bij het minste gevaar. Daarom +treft men, als men verder naar het binnenland komt, een grooter zorg +voor de weerbaarheid in die christelijke streken; van Misda af worden +het echte vestingen, liggend op alleenstaande hoogten. + +Gedurende drie marschdagen, drie lange en moeilijke dagen, ontdekten +wij geen enkel nomadenkamp. De onvruchtbaarheid van den grond is +zoodanig, dat men veronderstellen moet dat in de oudheid de streek +tusschen Yffren en Misda al niet meer bevolkt was; maar er waren +stellig enkele stations van een weg, die erdoor liep, want daarvan +zijn sporen te vinden te Elmdina en Skiffa. + +Elmdina, op 20 K.M. afstands ten zuiden van Djendoeba, is een +eindelooze, zandige vlakte, in welker midden zich de muren van +een groot vierkant verheffen. De schoonheid en de afmetingen van de +behouwen steenen leggen getuigenis af van veel en zorgzamen arbeid. De +plaats moet wel belangrijk geweest zijn, dat de Romeinen er gewerkt +hebben met van verre aangebrachte materialen. De groote buitenmuur, +waarvan elke zijde 40 M. lang is, diende zonder twijfel tot verblijf +voor de karavanen, die op reis waren. Men kan er nog in het midden +overblijfselen van de vesting vinden met den zeer versterkten +ingang. De antieke documenten leeren ons niets omtrent Elmdina, dat +van de Arabieren den bijnaam van Ragda heeft gekregen. Die benaming +beteekent "Slapende Stad" en is waarschijnlijk afkomstig van een +mohammedaansche legende, volgens welke het in de ruïnen spoken zou, +zoodat er elken nacht schimmen zwierven, die dan op de muren zouden +slapen. + +Wij bereiken de bedding van de Soff ed Dinn bij de samenkomst met +de wadi Lilla. Samenvloeiing zou men zeggen, als het rivieren waren, +maar hier vloeit niets; het zijn niet anders dan kloven, waarin geen +enkel adertje water te zien is. + +Voortgekomen uit de golvende vlakten ten zuiden van Djado, wordt de +Soff ed Dinn al gauw een kloof met loodrechte wanden. Te Misda is ze +reeds een kilometer breed en verder strekken zich soms tien of twaalf +kilometer uit tusschen den eenen en den anderen oever van de bedding. + +Ik denk, dat de naam van Soff ed Dinn, die Dal der duivels beteekent, +aan de wadi gegeven is om de massa slangen, die er in het zand +leven. Die groote pythons maken slachtoffers onder de kudden vanaf de +velden van Toeboel tot de zee toe. Mijn mannen lieten mij vlokken wol +zien, die aan de struiken hingen. Dat waren volgens hen de bewijzen +van verwoede gevechten tusschen de boa's en hun prooi. Ik heb in een +doear den vader van een herder gekend, die gedood werd door een slang; +dat was het vorige jaar gebeurd, en toen de kameraden van den jongen +man op zijn kreten naderbij waren gekomen, hadden ze geen hulp meer +kunnen bieden, want hij was al dood zonder een enkele wond. De slang +werd doodgeslagen, maar men had nog alle moeite gehad, om het lijk +los te maken, zoo vast had het gezeten tusschen de spiralen van het +monsterachtige beest. + +De reeks van ruïnen zet zich onafgebroken voort op de beide oevers der +wadi. Tininaye bezit een mooien tempel met fraai behouwen steenen, waar +de nomaden van heden de totems van hun stam op de wanden teekenen. De +muren zijn er vol van. + +Ronde torens vindt men vooral daar, waar de Soff ed Dinn zich tot +een vlakte verbreedt. De kasr Argoes schijnt de hoofdvesting te zijn +geweest voor het geheele vlakke land, want de hooggelegen ruïnen zijn +ontegenzeggelijk die van een versterkt kasteel, waar desnoods alle +bewoners der streek een toevlucht konden vinden. + +Er bestaat een steeds weer voorkomend samentreffen van de romeinsche +ruïnen en de tegenwoordige kampen van de nomaden. Wij konden dat +vaststellen, niet alleen voor de bedding der Soff ed Dinn, maar ook +voor alle andere wadi's uit de buurt. Dus zijn de bebouwbare gedeelten +van het land dezelfde nu en vroeger. + +Men treft geen enkel spoor der Romeinen buiten de laagten; een bewijs, +dat de Romeinen zich, evenals de nomaden van thans, tot de beddingen +der wadi's bepaalden. De voet der oude monumenten, gelegen aan de +rand der steenachtige vlakten, toont buitendien, dat de grond zich +op zijn niveau heeft gehandhaafd, en dat tusschen de rivierdalen de +cultuur oudtijds even onmogelijk was als nu. Maar de sporen, die we +ontdekken in de diepten der kloven, duiden op een veel belangrijker +exploitatie van den grond dan tegenwoordig. + +In een land, waar de oudheid haar rijke landouwen had, leidt de +inboorling in onze dagen een kommervol bestaan. En toch zijn de +klimaatstoestanden niet veranderd, zooals blijkt uit de teksten en de +monumenten. Dat is een gevolg van het feit, dat de Romeinen werkers +waren, terwijl de Arabieren in smadelijke luiheid verkwijnen. Men moet +in Tahar zich de grootste inspanning getroosten, wil men op eenig +resultaat hopen, omdat het water, dat aan de oppervlakte ontbreekt, +overal onder den grond te vinden is. Zoodra men het maar boven brengt, +om het leemhoudend zand te besproeien, groeit de haver, dat het een +lust is. Maar de vochthoudende lagen liggen op groote diepte. De +weinige putten, die ik heb ontdekt, hadden een diepte van 60 of +80 meter. Ten tijde der Romeinen had men door talrijke boringen +en vernuftige stuwwerken, die eeuwen lang in goeden staat werden +gehouden, schitterende resultaten bereikt. De Arabier wil liever in den +zonneschijn liggen slapen en een ellendig leven leiden, en sinds hij +zich in het land heeft neergezet, heerscht er de verlatenheid. Buiten +enkele oasen aan de zee en de dalen, waar in het bergland Berbers +wonen, wandelt de reiziger in Tripolitanië door maanlandschappen; +als niet de intensiteit van licht en de hevige winden het anders +leerden, zou men zich kunnen wanen op de koude schors van onzen +nachtelijken wachter. + +Wij verlieten de Soff ed Dinn te Argoes, om de steenachtige plateaux +over te steken, die de wadi van Orfella scheiden. Dat oversteken van +vlakten vol enorme steenen is des te vervelender, daar wij het moesten +doen in donker, nevelachtig weer. Geen grassprietje, geen enkele +bodemverheffing verbrak de doodsche eentonigheid. Wij moesten vaak +afdalen in diepe wadi's, die plotseling voor ons lagen met zoo diepe, +steile wanden, dat wij van hun bestaan nog geen vermoeden hadden op een +afstand van 200 M. Zoo eentonig zijn die vlakten, dat de inboorlingen +er den weg niet zouden kunnen vinden zonder de hoopen steenen, die +ze op bepaalde afstanden hebben bijeengebracht om de richting aan te +geven. De resten van zwart vulkanisch gesteente geven een verhoogde +somberheid aan het landschap. Men denkt aan een aardbeving, die alles +heeft opgebroken en de brokken heeft rondgestrooid. + +Orfella, waar we den 22_sten_ April aankwamen, bestaat uit een +tiental dorpen op een rij langs de beide oevers van een diepe kloof, +de Ceni Cellid. Boe Abbas, Guaïda, Sikha, Dahaka, Hosna, Turba, Kir +Anala, Trara liggen, boven de breede, vlakke rivierbedding, op hun +hoogten van ongeveer honderd meter. Vlakte, rand en dal, alles is +vleeschkleurig. De steenen, waarvan de huizen zijn gebouwd, hebben +dezelfde nuance, en men zou de dorpen niet kunnen onderscheiden, als +niet de deuren of poorten er zwarte rechthoeken in aanbrachten. Boe +Abbas geeft eenige afwisseling met zijn bazaltlagen, want de turksche +vesting is geheel en al van zwarte steenen opgetrokken. De lava schijnt +er zich over het kalkgesteente hebben uitgespreid als een half gestolde +massa. Op de bewonderenswaardige doorsneden, die de wanden der kloven +te zien geven, kan de geoloog in diepere lagen het kalktufgesteente +herkennen, gevormd uit oever- en mosselschelpen. Boven dat tufgesteente +konden wij een laag van zeer mooi marmer onderscheiden. De bedding +van de wadi Orfella is door de inboorlingen herschapen in een goed +onderhouden olijvenaanplanting en in havervelden. Te Tripolis roemt +men de vruchtbaarheid van dit hoekje der woestijn; maar wat beteekent +dat eigenlijk? Nauwelijks de uitgestrektheid van een fonteinbekken +op het Concordeplein! Dit hoekje is daarenboven een geliefd oord +voor schorpioenen. Men kan gerust zeggen, dat ze zich onder elken +steen ophouden. Er werden drie gevonden in mijn mantel, toen die +een oogenblik op den grond had gelegen. Ik weigerde de aangeboden +gastvrijheid in de woningen, omdat de schorpioenen er in de daken +huizen en zich 's nachts op de slapenden laten vallen. Beter is het, +de tenten in de open lucht op te slaan en den vloer van het kamp goed +aan te vegen. + +In Orfella is het afschuwelijke insect grooter dan dat in Europa, +maar groenachtig van kleur. De inboorlingen zijn bang voor zijn +steek, maar zeggen, dat die niet doodelijk is. Als men de wond +inwrijft met zekere kruiden, is men binnen vier-en-twintig uren weer +beter. Misschien zijn ze op den duur ongevoelig geworden voor het +gif van geslacht op geslacht. Maar zeker is het, dat een vreemdeling +het grootste gevaar loopt, getuige een arabisch bakker uit Tripolis, +die eenige minuten nadat hij gestoken was, aan de wond overleed. + +Elken avond vulde zich mijn tent met verschillende bezoekers. Er +werd mij veel verteld van zekere ruïnen te Ghirza in het bekken van +Zemzem, en ze werden mij beschreven op een manier, dat men wel lust +moest krijgen, ze te gaan zien. Ik vatte dus het besluit, ons zoo +ver naar het Zuiden te begeven. + +Na drie dagen kwam ik tot de overtuiging, dat ik daarvoor noch gidsen, +noch escorte zou hebben. Het zij zoo! Dan er maar alleen op uit! Zoo +verliet ik Orfella, om naar het Zuiden te trekken zonder een andere +aanwijzing dan een vage omtrent de richting. Daar er doears in Zemzem +moesten wezen, had ik slechts voor drie dagen proviand en voedsel +voor de beesten meegenomen, wat ook al juist zooveel was, als onze +kameelen konden dragen. Ik trok voorop, zonder mijn zakkompas een +oogenblik van onder mijn oogen te verwijderen--dat arme kompas, dat +ons eenig houvast was in een afgrond van eenzaamheid, waar de aan +vaste woonplaatsen reeds gewende Arabier geen voet zal zetten. + +Het verschrikkelijk steenachtige plateau, dat zich tusschen de +evenwijdig loopende wadi's, de Beni-Cellid en de wadi Zemzem uitstrekt, +maakt deel uit van de oostelijke uitloopers der hooge tripolitaansche +gronden, die in lage rotsen eindigen aan de lagune van Taorgha, die +nu verzand is. De paarden en kameelen struikelden onophoudelijk over +de enorme steenen, vielen soms en bezeerden zich. Men zou hun spoor +kunnen volgen, door de bloeddruppels, die ze laten vallen te midden van +al dit puin, dat wel wat lijkt op de ruïnen van een reuzenstad. Wij +moesten wel besluiten te voet te gaan in een hitte, die iemand een +zonnesteek dreigt te bezorgen. Nachtigal klaagde over een dagreis, +waarbij hij acht uren had moeten loopen; wij legden er 12 af en een +enkele maal 15. De reusachtige, maar smalle kloven van de wadi's +Akrima, Ageroe, Sjdaff, Tala noodzaakten ons tot moeilijke afdalingen +en daar op volgende klimpartijen om weer op het plateau te komen, +waarbij telkens de kameelen moesten ontladen en weer belast worden, +zooals al eenmaal te Mahmoed het geval was geweest. Een zandstorm +bij Tala hield ons gedurende tien uren op onze plaats en had den +verstikkingsdood van een der paarden ten gevolge. + +Tot overmaat van ramp raakten de levensmiddelen op. Ik kon er niet +aan denken, op onze schreden terug te keeren in den staat, waarin +zich onze menschen en dieren bevonden na twee dagen zonder water en +in een toestand van algeheele uitputting. We zouden allen dood zijn, +vóór we de helft van den terugweg hadden afgelegd. De ellende scheen +ten top gestegen, en alleen een wonder scheen ons te kunnen redden.... + +Het wonder deed zich voor. Op denzelfden avond van den storm bij Tala, +op het oogenblik, toen het kamp juist gereed was in een zijdal van +de Zemzem, deed een alarmsein mijn heele personeel opschrikken. Er +verschenen gewapende mannen, in de schemering naderend.... Ik greep +naar de wapens en trad naar voren. Die schrikwekkende figuren waren +slechts vreedzame leden van een karavaan, die zout tusschen Siout +en Nefoesa moesten vervoeren. Wij gaven elkander inlichtingen en +verbroederden ons. Voor eenige geldstukken werd mijn voorraad aangevuld +voor twee dagen, en de karavaanleiders brachten ons op den rechten weg. + +In deze buurt is de Zemzem niet anders dan een breed lint van gras +zonder rotsen. Het gele zand van de bedding is wel geschikt voor +den verbouw van graangewassen, en de arme nomaden gaan zaaien, waar +ze oude leidingen aantreffen, die nog in staat zijn het regenwater +vast te houden. Zoo is Sadé bewoond door een honderdtal menschen, +terwijl men ver in het rond geen levende ziel vindt. + +De beroemde ruïnen van Ghirza liggen tien kilometer ten westen van +Sadé bij de monding van een kleine wadi op den zuidelijken oever van +de Zemzem. + +Er was mij niets te veel verteld van die ruïnen; de monumenten +overtroffen nog ver mijn verwachtingen; ze zijn de mooiste van +geheel Tripolitanië. + +Toen we er aankwamen, werd ons oog het eerst door de muren van een +echte stad getroffen. De 8 tot 10 meter hooge gebouwen hebben muren +van kleine, vierkante steenen, zorgvuldig ineengevoegd, Een twintigtal +van die reusachtige woningen bekronen nog den linkeroever van de +wadi Charza, 300 M. van de uitmonding in de Zemzem. De huizen hadden +minstens twee verdiepingen en waren door omheiningen ingesloten; eenige +vertoonden zware, ronde torens. De stad gelijkt in niets op Sabratha, +Oca en Leptis, waar alle gebouwen van gehouwen steen zijn, waar de +tempels, de paleizen, de openbare bouwwerken druk versierd zijn. + +Te Ghirza heeft de zeer soliede aangelegde stad in het geheel geen +versieringen; alles is er ingericht alleen met het oog op stevigheid +en gemak. De afmetingen en het aantal der huizen doen denken aan +die regelmatig aangelegde plaatsen in Amerika, de nieuwe steden, +plotseling verrezen te midden van pas geëxploiteerde terreinen. + +De welvaart is hier zeker vroeger groot geweest en heeft blijkbaar +lang stand gehouden, want twee even groote plaatsen liggen naast +Ghirza, één op denzelfden oever en de andere op de tegenoverliggende +zijde. Nergens in Afrika vindt men graven, met deze te vergelijken, +wat de proporties en den rijkdom van het beeldhouwwerk betreft. + +De ondergrondsche doodenstad bestaat nog uit zeven mausoleums, boven +elkander op de helling van de kloof. Het eerste, het dichtst bij de +stad, heeft vorm en grootte van een echten tempel. De forsche, min of +meer gedrongen bouw doet denken aan egyptische bouwwerken. Hier is het +graf van een vrouw, Mnimir genoemd, wier gedenkteeken is opgericht +door haar zoons, Nasif en Nathsjisj. Dat zijn blijkbaar inlandsche +namen, ofschoon het opschrift en de aanleg van het monument romeinsch +zijn. De andere mausolea, die nog hooger, maar smaller zijn, doen niet +voor het eerste onder; de zuilen en de reliëfs zijn zelfs nog rijker. + +De necropool, die aan de andere zijde van de kloof ligt, gelijkt +veel op de eerste; maar zij bezit een graf, dat eenig is in zijn +soort. Het is een obelisk van wel 15 M. hoogte op een voetstuk, welks +zijden niet meer dan 1.50 M. breed zijn. Twee lijsten verdeelen het +in drie verdiepingen, waarvan de hoogste in een kapiteel uitloopt. In +de verte denkt men aan een naald. Alle opschriften leeren ons, dat +de daar begraven personen Numidiërs waren. + +Uit die doodensteden kan men nog meer leeren, en wel feiten, die +we niet zouden hebben verwacht. Ze staan duidelijk te lezen op +de middenlijsten en de basreliëfs, waar de bijzonderheden van het +huiselijk leven uit dien tijd, dat is uit de vierde of vijfde eeuw, +zijn voorgesteld. Ik heb er afdrukken gemaakt van tooneelen, die +even merkwaardig als amusant waren. Men ziet er o.a. vrouwen, die haar +kinderen zoogen of voor den haard de spijzen bereiden; krijgslieden, +die met zonderlinge wapens strijd voeren; jagers, die leeuwen vervolgen +en gazellen en giraffen. Al die personages zijn gekleed in costumes, +waarvan zelfs de herinnering is verloren gegaan. + +De kameel, voor den ploeg gespannen, komt zeer dikwijls terug. Bekend +is het, dat de archaeologie zich nog niet had uitgesproken over den +tijd, waarop de kameel in Afrika werd ingevoerd. Men nam algemeen +aan, dat het dier uit Arabië afkomstig was. De onlangs plaats gehad +hebbende opgravingen in Tunis hebben bewezen, dat het schip der +woestijn reeds zijn diensten bewees in den romeinschen tijd aan den +oever der Middellandsche Zee. Maar men had nog geen zekerheid over +zijn voorkomen in het binnenland; daar had men de aanwezigheid nog +niet vastgesteld. Ghirza zegt, dat het nuttige beest er zes eeuwen +vóór de komst der Mohammedanen al bestond en dat het niet alleen, +als tegenwoordig, voor het bereizen van de woestijn werd gebruikt, +maar ook bij den landbouw zijn werk verrichtte. + +Het fokken van een sierlijk paardenras hield eveneens de bewoners +van Ghirza bezig, die aan wedrennen deden, niet met het leelijke, +lompe berbersche paard, maar met een slank en lenig dier, dat aan +de mooiste syrische paarden herinnert. Waarschijnlijk had men den +struisvogel nog niet getemd, zooals tegenwoordig in Soedan en aan de +Kaap; maar men hield zich bezig met de jacht op den struis, stellig +reeds om van de veêren gebruik te maken. Ik vermoed zelfs, dat de +stierengevechten niet onbekend waren, want op de kroonlijsten staan +mannen afgebeeld, die met stieren worstelen. + +Enkele medaillons stellen personen voor, behangen met edelgesteenten +en sieraden, waardoor men aan groote plechtigheden of feesten wordt +herinnerd. + +Men staat versteld over het onderscheid tusschen het verleden dezer +stad en den tegenwoordigen uitgestorven toestand rondom die ruïnen. De +tooneelen uit bakkerijen, wijngaarden, oogstfeesten, die op de steenen +zijn gebeeldhouwd, zeggen met groote duidelijkheid, dat korenvelden, +wijngaarden en vruchtenboomen den nu dorren en kalen bodem vroeger +hebben bedekt. Buiten enkele Johannesbroodboomen in de wadi Ghirza, +ziet men nu geen sprietje boven den zandigen, steenachtigen grond +uitkomen. Dus nog eens, wat kan die geheimzinnige stad geweest zijn? + +Ik had daar op die plek een paar zware oogenblikken in mijn +leven.... Toen we ons gereed maakten, de eerste photografieën te +maken, weigerden de drie toestellen, die te veel geschud hadden op +de ruggen der kameelen, den dienst. Zoo zouden wij dan beroofd worden +van de kostbaarste documenten der geheele reis! Bij geluk kon Pepino, +de vernuftige Pepino, de instrumenten herstellen en avond op avond +ontwikkelden wij met levendige voldoening de uitstekendste cliché's. + +Ik was eerst voornemens, langs de kust naar Tripolis terug te keeren +en wel achter de oude lagune van Taorgha, maar de bewoners van Sadé, +die den weg kennen, hebben er nooit iets bijzonders van de dingen, +die ons interesseeren, gezien, terwijl we, als we over Misrata gaan +door Nefed en Merdoem, nog meer "zeer groote en zeer schoone" graven +zullen ontmoeten. + +Onder het geleide van den kaïd rijden we dus naar de wadi Nefed, +die we bereiken bij de monding van haar zijtak, de wadi Ahmed. De +Nefed heeft zich in deze buurt een zeer diepe bedding uitgeschuurd +in het plateau. De oevers zijn zoo steil en zoo volkomen evenwijdig +aan elkander, dat ze doen denken aan de gevels van een reuzenstraat. + +Al de oude plaatsen, waarvan wij de overblijfselen hebben gezien, +lagen op de hoogte een eind van den den rand der kloven, om geen last +te hebben van den plotselingen was van het water. De stad van de Ahmed +lag op vijf of zes meter van den rand slechts. Ik kon mij die anomalie, +ik zou zelfs zeggen die zorgeloosheid, niet verklaren, want dit was +niet een dorpje, 't welk maar voorloopig werd gebouwd, maar een voor +vast bestaand middelpunt, dat nu door zijn ligging aan plotselinge +overstroomingen blootstond. Een graf in den vorm van een obelisk, +minder hoog en minder weelderig dan dat van Ghirza, stond boven +op een rots. Aan den anderen oever van de Nefed zag men dergelijke +sporen der romeinsche beschaving in overvloed. Zij kwamen voor langs +de geheele wadi tot aan de zee. De mooiste zijn die van Lakadië. + +Onze kaïd verliet ons te Merdoem. Wij werden toen meteen den +ouden Hammer kwijt, dien ik zijn congé gaf. Dat lastige personage +had mij bij verschillende gelegenheden doen twijfelen aan zijn +eerlijkheid en betrouwbaarheid. Te Orfella had hij ... verloren, +dat wil zeggen, gestolen mijn degenstok dien ik nuttig oordeelde +in een land, waar het goed is, altijd gewapend te wezen, zonder dat +het steeds noodig is, dat ieder dat ziet. Te Tala had hij er schuld +aan gehad, dat we verdwaalden, door vol te houden wat hij bleek +niet te weten. Dienzelfden avond eindelijk had hij de nachtwake op +zich genomen, die nooit verzuimd mag worden om de vele gevaarlijke +zwervers. Toen ik wakker werd, vond ik hem niet in het kamp, en +niemand stond in zijn plaats op schildwacht. Ik liet dadelijk allen +opstaan. Hammer kwam bij het krieken van den dag terug, en nooit ben +ik gewaar geworden, waar hij vandaan kwam. Ik betaalde hem zijn loon +en met zijn zoon er bij verdween hij. + +Hieruit blijkt nog eens voor de zooveelste maal, dat men nooit +vertrouwen moet stellen in een Arabier, zelfs niet in den besten. Dit +was er nu een die gedurende twintig jaren bediende geweest was van +den engelschen consul en meeging op diens jachtpartijen; die mij op +de geheele reis van 1901 had vergezeld; dien ik altijd als vriend +had behandeld, en wien ik alles gaf waar hij om vroeg. Zonder eenige +reden, misschien maar zoo door een herleving van den haat tegen de +Christenen, verbittert hij willekeurig ons leven. Ik kan niet laten, +de schouders op te halen, als ik fantazeerende critici hoor zeggen: +"Wij weten niet om te gaan met de Arabieren". Men kan de Arabieren +niet winnen; ze verachten ons, omdat wij Roemi's zijn. Behandel ze +streng, ze zullen gehoorzamen, maar om later wraak te nemen. Behandel +ze met zachtheid en ze zullen gelooven, dat ge bang voor hen zijt, +en ge zult niets er bij winnen, noch iets van hen gedaan krijgen. Met +strengheid komt men nog het verst. + +Tusschen Merdoem en Misrata is de weg zeer goed; men passeert vlakten, +waarin de Mimoevan Misrata, de Sassoe en haar zijtak, de Aoegeran +mooie, groene linten trekken en waar veel kampen en groote kudden zijn. + +De bevolking is er bij uitzondering zachtzinnig en gastvrij. Elken +avond bracht ze mijn lieden een grooten schotel bazine in een zeer +gekruide saus, die voor een europeesch verhemelte niet te verdragen is. + +De notabelen hurkten neer bij den ingang van mijn tent en zaten er +uren lang. Daar ieder Roemi in de oogen van de Afrikanen een dokter +is, brachten ze hun zieken naar mij toe, en mijn apotheekje werd onder +hun handen ledig. Een van hen dreef de naïveteit zoo ver, dat hij mij +naar het geheim vroeg, om mannelijke kinderen te krijgen, de eenige +die meetellen in de mohammedaansche wereld. Een ander vertrouwde mij +een middel toe, om oogenblikkelijk de hevigste kiespijn te genezen, +door namelijk op de pijnlijke plek een weinig water te brengen, +dat lauw was gemaakt door een gloeienden vuursteen. + +Enkele van die notabelen bezaten Le-Grasgeweren. Die hadden ze gekocht +van smokkelaars, wier voorraad afkomstig was uit Griekenland, waarheen +ons ministerie van oorlog zijn oude geweren kwijt wordt. Maar die +geweren dienen niet anders dan voor de pronk, omdat ieder patroon +ongeveer drie francs kost, een enorme som voor dat land. + +Onze laatste dagreis, om te Misrata te komen, had zeventien uren +geduurd. Het was middernacht, toen we eindelijk de stad binnenreden +bij maneschijn, na twee uur een kronkelenden weg onder palmen te +hebben gevolgd. Daar ze van onze komst verwittigd waren, wachtten +ons de turksche ambtenaren met een flink maal. Een glas frisch water +en een sigaret, waarvan we lang gespeend waren geworden, doen mij +een genoegen, als niets anders mij had kunnen verschaffen. En welk +een vreugd, een bed met witte lakens te vinden! Mijn kamer was het +zonderlingste museum, dat men bedenken kan. De Arabier, wien zij +toebehoort, heeft er alle europeesche voorwerpen bijeengebracht, +die hij te Tripolis had kunnen vinden, muziekdoozen, lampen, +phonografen, stereoscopen lagen op de meubels met braadpannen, +komforen, en laarzen. De dientafeltjes en kastjes waren overdekt met +gekleurde prenten, ontleend aan het Petit Journal en modeplaten. Aan +de wanden hingen decoraties tegenover risten schoenen. Het was een +allercurieuste kamer en ze werd dan ook bewaard voor vreemdelingen +van beteekenis. De eigenaar zelf houdt er nooit verblijf. + +Ik gebruikte er mijn maaltijden met den kaïmakan, een jongen turkschen +ambtenaar, die goed Fransch sprak. Wij dronken abominabele champagne, +die in Duitschland gemaakt was en naar Afrika was geëxpediëerd met +de beste fransche namen. + +De hoofdplaats Misrata ligt ongelukkig niet aan zee, dus geniet zij +niet of weinig van de booten der italiaansche maatschappij, welke +de naburige havens aandoen. De oase, waar de plaats het middelpunt +van is, heeft een lengte en breedte van ongeveer tien K.M. en wordt +bewoond door zoowat 30.000 inwoners, die voorraden haver in silo's +opstapelt en zich verder bezighoudt met het vervaardigen van zeer +gewaardeerde wollen tapijten. Volgens Barth zou de stad het oude +Thebunte zijn van de reis van Antoninus. + +Naar het zeggen van den arabischen schrijver Marmol dreef men er in +de Middeleeuwen een levendigen handel met christelijke zeevaarders, +voor wie de bewoners de tusschenpersonen waren met de negers uit +den Soedan. De Venetianen kwamen er een kostbare soort wol halen +en men sprak van de Misrataolie zooals nu van Genuaolie. Venetië +verkreeg ook haar muskus, ivoor, struisvogelveêren van de karavanen en +verkocht er glaswaren. Te Misrata voorzagen zich de marokkaansche en +algerijnsche pelgrims naar Mekka van paarden, die ook naar Alexandrië +werden uitgevoerd. Tegenwoordig bepaalt zich de markt bijna alleen +tot de dingen van plaatselijk gebruik en tot wat de karavanen noodig +hebben tusschen Tripolis en Benghazi. Een dezer karavanen komt elken +Vrijdag en neemt stoffen van gestreepte wol mee, die Margoem heeten +en in het vilayet worden gebruikt. + +De meeste kooplieden zijn joden; enkelen zijn Franschen, omdat ze +uit Algerië of Tunis afkomstig zijn. De arabische reiziger Hasjaïsji +beweert, dat er geen veiligheid van personen en goederen is, maar +wij hebben ons hier over niets te beklagen gehad. Zlitten, vijftig +K.M. verder westelijk, ligt in een groote oase; de bevolking is er +zeer vechtlustig en vlug met het mes, wat de joden dikwijls tot hun +nadeel ondervinden. + +Van Zlitten bracht een marsch van drie dagreizen ons te Tripolis +terug. Het was hoog tijd, want mijn personeel en de dieren konden niet +meer, en de duur van de reis was langer geworden dan ik had verwacht. + +In April 1904 begaf ik mij met een nieuwe karavaan weer op weg. Moeni, +een Israëliet, ging met ons mee; hij was photograaf van professie. De +moesjir van Kasr Karaboeli gaf mij vijf ruiters tot geleide, onder +bevel van den turkschen luitenant Mehemet Ali. + +Mijn reisplan, dat opgemaakt was met den wensch voor oogen, zooveel +mogelijk datgene te zien, dat ons in 1901 en 1903 was ontgaan, bracht +ons eerst naar de wadi Lebda, de droge bedding, die van den Tarhoena +komt en oudtijds de binnenhaven van Leptis Magna voedde. Wij volgden +de kloof, en we vonden telkens sporen van verdwenen welvaart. + +Te Hamoet was onze eerste halt op een eenzamen heuvel met een zeer +vervallen kasteel erop. De zorgeloosheid der Arabieren op het punt +der hygiëne bleek er door den afschuwelijken stank, dien het lijk van +een hond verspreidde, zonder dat de Arabieren het uit de nabijheid +van hun kamp verwijderden. + +Msellata, waar we nog denzelfden avond aankwamen, is het voornaamste +middelpunt in die buurt en onderscheidt zich door zijn vruchtbaarheid +en door de steenen huizen. + +Gedurende ons trekken door de heuvels van Msellata ontmoetten +we telkens kudden schapen en geiten. Het was een mooi ras, en deze +schapen voorzien dan ook ten deele in de behoeften van de slagerijen +van Malta, Soessa en Sfax. Ze worden gemiddeld voor 12 francs verkocht +op de markten van Tripolis, van waar ze tot zelfs naar Engeland +worden verzonden. + +Ten zuidwesten van Msellata verdwijnen de boomen geheel, we ontmoeten +nog slechts hier en daar een nomadenkamp, in de zandvlakte verloren +of te midden van een alfagraswoestijn. Het alfa is hier zeer algemeen. + +Te Kasr Tarhoena hervond ik den uitstekenden Ahmed Bey, die mij +het vorige jaar in Aboe Adjelat had ontvangen. Hij was nu kaïmakan +van dit plateau en hield verblijf in een der primitieve fondoeks. De +kaïmakan had juist een nieuwe vrouw aan zijn harem toegevoegd; ze was +den vorigen dag aangekomen op een kameel in een prachtigen palankijn, +waarvan de gordijnen zorgvuldig gesloten waren. Wij konden het schoone +getimmerte met de weelderige behangsels en het fraaie schilderwerk +bewonderen, want de kameel wandelde op de esplanade rond met het +geheele toestel op den rug. + +Er werd gefluisterd, dat de jonge vrouw zeer schoon was. De eerste +echtgenoote moet veel tranen hebben vergoten, toen zij hoorde van de +andere. Maar zij zal zich nog wel eens aan iets dergelijks stooten, +want de man is nog zeer jong, en de Arabieren vullen hun gezinnen meer +dan eens op deze wijze aan. Wie door den heer niet weggestuurd wordt, +mag zich al gelukkig rekenen. + +Het diepe dal van de Rhane scheidt Tarhoena van Cariana. Langs steile +kloven gingen wij erheen en troffen daar de eerste troglodytenwoningen. + +De bevolking van Gariana is arabisch en bestaat uit vier stammen; allen +hebben woningen onder den grond. Het land is er vruchtbaar en brengt +veel koren voort; enkele dalen zijn bedekt met prachtige olijven, zoo +forsch, dat hun takken elkaâr raken en over heele afstanden schaduw +geven. Er bestaat in geheel Tripolitanië geen zoo frisch en groen land. + +Ten zuiden van Gariana ontmoette ik veel karavaanleiders, die na +drie jaren van afwezigheid uit Soedan terugkeerden. Zij waren vol +lof voor de Franschen en schenen de beste herinneringen te hebben +behouden aan de fransche troepen, die de karavanen tusschen Zinder +en Aïr begeleiden. + +Van Gariana sloegen we de richting naar Misda in Tahar in, dat midden +in de Soff ed Dinn is gelegen. Te Koeleba, waar wij juist onze tenten +zouden opslaan, kwam een man op ons toeloopen, een arabisch koopman +uit Tripolis, die een groot vriend van onzen officier was. Hij was +rijk en was erop gesteld, om ons ten zijnent te ontvangen. Hij drong +zoo aan, dat wij er wel in moesten toestemmen ondanks onzen afkeer +van de woningen der inboorlingen, waar de rust altijd door legers +van ongedierte wordt verstoord. Een grot, die veel te klein was voor +ons allen, kon ons voor den nacht worden aangeboden en wij waren blij +toen de morgen aanbrak. + +Op den weg naar Misda deed ik een uitstapje met Mehemet Ali in +oostelijke richting, om de ruïnen van El Edjab te zien, die wij +zonder moeite vonden. Er was nog een reusachtig mausoleum te midden +van veel puinhoopen; maar we konden geen enkel fragment vinden van +de standbeelden, die in de nissen moesten hebben gestaan en ook +geen enkele aanwijzing in een opschrift. Te Tesjé voegden wij ons +weer bij de anderen en spraken daar met het hoofd Salem el Soehlé, +die zich erover beklaagde, dat de handel zich zoo langzaam herstelde +van den slag, hem door Rabah toegebracht door de verwoestingen, die +hij aanrichtte in den Soedan, en die den doorvoerhandel hebben geknakt. + +Van de drie uitvoerartikelen zijn twee hem geheel ontgaan, namelijk de +struisvogelveêren en het ivoor. Hij voert nu nog gelooide huiden uit, +waarvan er vele naar de Vereenigde Staten gaan. De veêren worden haast +niet meer verhandeld op de markt te Parijs, omdat men de voorkeur +geeft aan die van de Kaap boven die uit Tripolis, en het ivoor, +dat veelal uit Wadaï werd aangevoerd, gaat, sedert de spoorweg naar +Khartoem klaar is, den Nijl af naar Alexandrië in plaats van met +karavanen naar Tripolis en Bengazi. + +Misda, waar we tegen den avond aankwamen, is arabisch en ligt in de +Soff ed Dinn. Ook die plaats heeft in den laatsten tijd geleden door de +verplaatsing van den handelsweg. Het ligt, waar de wegen naar Fezzan en +Rhadames samenkomen; maar tegenwoordig gaan de karavanen van Tripolis +naar Fezzan over Orfella en die van Tripolis naar Rhadames over +Djado. Zoo is Misda een verlaten plaats geworden en de menschen leden +er blijkbaar gebrek. Wij hielpen hen nog aan eenige voedingsmiddelen, +want het jaar was zeer droog geweest en de ellende was groot. + +De secte der Senoessi's heeft veel invloed in het gebied om Misda, en +al gehoorzaamt men er voor het uitwendige aan de turksche ambtenaren, +in hun hart is de gehoorzaamheid aan de "broeders". + +Een dag nadat we Misda achter ons hadden gelaten, kwam een bode uit +die plaats ons waarschuwen, dat de weg niet veilig was, want dat er +Toearegs op roof uit waren. Het zijn lastige roovers, die het vooral +op fransche karavanen voorzien hebben, sinds velen der hunnen uit +de fransche Sahara verwijderd zijn. Mehemet Ali dacht er over, om +te keeren, maar ik besloot goed wacht te laten houden en het ergste +af te wachten. De Toearegs vertoonden zich niet, en wij zetten over +Kedoea onzen tocht naar Tripolis voort. + +Daar aangekomen, konden wij met voldoening op de reis terugzien, +die ons veel merkwaardigs had geleerd en ons had doen zien, dat de +landbouwkolonies der Romeinen op juist dezelfde plekken waren aangelegd +als waar nu nog bouwland is. Waterleidingen, stuwdammen, putten, +steden, dorpen en versterkte vestingen toonen aan, hoe belangrijk +de romeinsche kolonie er was, en hoe de latere bezetting door de +Arabieren aan een periode van bloei een eind heeft gemaakt. Indien +ooit de vervallen plaatsen weer tot bloei zullen komen, moet het zijn +zonder de luie en onverschillige Arabieren, maar met andere kolonisten, +hetzij met blanken of met negers. + + + + + +End of Project Gutenberg's De Aarde en haar Volken, Jaargang 1906, by Various + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK DE AARDE EN HAAR VOLKEN *** + +***** This file should be named 17121-8.txt or 17121-8.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + https://www.gutenberg.org/1/7/1/2/17121/ + +Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed +Proofreading Team at https://www.pgdp.net/ + + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +https://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at https://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at https://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit https://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including including checks, online payments and credit card +donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + https://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. |
