diff options
Diffstat (limited to 'old/13236-8.txt')
| -rw-r--r-- | old/13236-8.txt | 3599 |
1 files changed, 3599 insertions, 0 deletions
diff --git a/old/13236-8.txt b/old/13236-8.txt new file mode 100644 index 0000000..26cc8fd --- /dev/null +++ b/old/13236-8.txt @@ -0,0 +1,3599 @@ +Project Gutenberg's Een reis naar de Philippijnen, by Joseph Montano + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + + +Title: Een reis naar de Philippijnen + +Author: Joseph Montano + +Release Date: August 21, 2004 [EBook #13236] + +Language: Dutch + +Character set encoding: ISO-8859-1 + +*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK EEN REIS NAAR DE PHILIPPIJNEN *** + + + + +Produced by Jeroen Hellingman and the Distributed Proofreaders Team + + + + + + +Reis naar de Philippijnen + + +Tot de belangrijke teekenen des tijds behoort ongetwijfeld het +toenemend gewicht, dat, in de laatste jaren vooral, het koloniale +vraagstuk gekregen heeft. En hiermede bedoel ik niet de kwestie omtrent +de wijze van beheer van onze oost-indische bezittingen en hetgeen +daarmede in verband staat; ik vat de zaak ruimer op, en bedoel de +toenemende belangstelling, die aan het koloniale vraagstuk gewijd +wordt, ook daar waar men zich vroeger met deze kwestie bijna niet +bezig hield; het streven, dat in verschillende staten steeds meer +op den voorgrond treedt, om het oude koloniaal bezit uit te breiden +of zich voor het eerst nieuwe koloniën te verwerven. Het machtige +Duitsche rijk heeft, tot groote verbazing van anderen, eensklaps dien +weg ingeslagen, en heeft dat gedaan met die beslistheid, die energie, +die doortastende wilskracht, die steeds de handelingen kenmerkt van +den grooten staatsman, wiens schepping het nieuwe Duitschland is, +en wiens schier onstuimig optreden misschien wel juist op deze +ongewone wijze geschiedt, om bij de toeschouwers de gedachte op +den achtergrond te dringen dat al deze schijnbaar onbesuisde en +geïmproviseerde stappen niet anders zijn dan de ontwikkeling van +een fijn berekend, diep doordacht plan. Dit streven van de eerste +militaire mogendheid van Europa naar koloniaal bezit, naar macht en +invloed ook ver buiten Europa, heeft reeds zeer gewichtige gevolgen +gehad, en zal waarschijnlijk, misschien reeds in eene nabijzijnde +toekomst, tot zeer verrassende uitkomsten leiden. Frankrijk, op +zijn beurt, heeft de oogen naar het verre Oosten geslagen en zich +gewikkeld in avonturen, die duizenden menschenlevens en millioenen +schats verslinden, die de krachten des lands uitputten, en toch in +het gunstigste geval maar een zeer povere uitkomst schijnen te kunnen +hebben.--Met verbazing, met ingehouden toorn, met kwalijk verborgen +ongerustheid slaat Engeland deze gebeurtenissen gade: op een gebied, +waarop het meende van rechtswege alleen meester te zijn en geen +mededinger te moeten dulden, ziet het eensklaps een zeer ernstigen +mededinger optreden, wiens verschijning juist daarom zoo verontrustend +is omdat niemand weet wat hij eigenlijk wil en hoever hij zal gaan, +terwijl men toch overtuigd is dat hij een vast plan heeft en op een +doel afgaat, hem alleen bekend. Wat zal Engeland doen? Heeft het oude +Brittanje, waar, onder menig opzicht, de toestanden zoo zonderling, +zoo angstwekkend, men zou bijna zeggen zoo hopeloos verwikkeld zijn; +dat voor de oplossing van zoo geduchte problemen, politieke en +sociale, is geplaatst,--heeft het oude Brittanje nog de kracht den +schepter der zeeën te omklemmen, en zijn onmetelijk koloniaal gebied +te verdedigen en te handhaven? Of is ook voor Engeland het uur gekomen +of in aantocht, het noodlottig uur, dat in vroeger en later eeuw, met +onverbiddelijke noodzakelijkheid, geslagen heeft voor alle staten, +wier gansche streven opging in handelsbelang, wier geheele politiek +uitsluitend werd beheerscht door de kwestie van winst of verlies: het +noodlottig uur, waarin de op dit ééne doel gerichte nationale kracht +blijkt opgeteerd en niet langer in staat om de verworven schatten, die +den naijver van velen opwekken, te beschermen en de hand af te weren, +naar dien rijken buit uitgestrekt?--Wie weet, of niet spoediger dan +menigeen denkt, de historie op die vraag het antwoord zal geven. + +Deze gebeurtenissen, waarbij ook de belangen van ons vaderland zoo +nauw betrokken kunnen zijn, hebben niet alleen eene politieke, +maar ook eene sociale beteekenis. Wat is het, dat de volken van +Europa dus aandrijft om zich in andere werelddeelen bezittingen te +verwerven, invloed te verzekeren; om zich met geweld en vaak door +de onverdedigbaarste middelen toegang te verschaffen tot rijken en +staten, die van dergelijke aanraking liefst verschoond bleven: wat +anders, dan de klimmende, de dringende en dwingende noodzakelijkheid +om telkens nieuwe uitwegen, nieuwe markten te openen voor de tot het +onzinnige opgevoerde produktie? De fraaie woorden, die men in den mond +voert, kunnen het brutale feit niet verbergen, dat het in den grond +der zaak om niets anders te doen is dan om het grove, materieele +eigenbelang. Of liever, het is om iets ergers, iets ernstigers +te doen: het is in den vollen zin des woords eene levenskwestie: +en juist dat geeft aan de verschijnselen en gebeurtenissen, die +bezig zijn zich voor onze oogen te ontwikkelen, eene inderdaad +tragische beteekenis. Zie Engeland. Hoe het jubelde en roemde, +toen de wondervolle veroveringen en ontdekkingen der wetenschap +de industrie opvoerden tot eene vroeger nooit gedroomde hoogte; +toen het duizendvoudig vermenigvuldigde en onophoudelijk verbeterde +werktuig in fabelachtig korten tijd den arbeid verrichtte, die vroeger +de inspanning zou hehben gevorderd van millioenen menschen en van +vele jaren; toen van alle einden der wereld de grondstoffen werden +aangevoerd om in de reusachtige fabrieken verwerkt te worden, en dan +op nieuw naar alle einden der wereld verzonden. Hoe vermenigvuldigden +zij zich, die machtige fabrieken, het leven van gansche distrikten +tot zich trekkende; hoe ging zij met reuzenschreden vooruit, de +groote industrie, dorpen en vlekken omscheppende in bloeiende steden, +waar de honderdduizenden zich verdrongen; steeds verder en verder +om zich grijpende tot haar invloed elken anderen verdrong, voor haar +belang elk ander wijken moest, tot, in waarheid, feitelijk de macht +van den staat, het welzijn des volks, het leven des lands, aan haar +hing. En zij arbeidde maar immer voort, rusteloos, onverpoosd: want +hield zij op, dan waarde het gebrek rond, dan teisterde de bleeke +honger de duizenden en duizenden, die alleen van haar leefden; dan +voeren schokken en trillingen als van een broedenden vulkaan door +de ontroerde maatschappij. Zij moest voortwerken--stilstand was de +ondergang. Zoo werkte zij dan voort, altijd op nieuw en altijd weer +voortbrengende, de produktie vermeerderende ... tot op eenmaal bleek, +dat er voor die produkten geen koopers meer te vinden waren; dat de +met steeds voller en met geweldiger golven bruisende stroom geen uitweg +meer had. Dan _moesten_, tot elken prijs, nieuwe wegen geopend, nieuwe +markten opgespoord; dan werden, zonder schijn zelfs van recht of reden, +oorlogen gevoerd en expedities--echte rooverstochten--ondernomen, om +tot dusver gesloten havens te doen openen, tot dusver ontoegankelijke +landen en volken te trekken binnen den noodlottigen toovercirkel. Dan +werd telkens eene nieuwe prooi den onverzadelijken Mammon in den muil +geworpen: en weer ging het voort, rusteloos, onverpoosd, koopende en +verkoopende, altijd en altijd door voortbrengende, schatten op schatten +stapelende, als kon daar nooit een einde aan komen. Toch komt dat +einde met onverbiddelijke noodzakelijkheid. Daar treden mededingers +op; de macht, die gewoon was de wereld te dwingen, ziet--zij het +ook nog in nevelige omtrekken--een sterkere in aantocht, die haar +den buit kan ontrooven; een duister voorgevoel van de naderende, +geweldige crisis doorhuivert de trotsche gestalte; het schemerend +besef doemt op, hoe dit schitterende gouden beeld dat de oogen der +wereld verblindde, op leemen voeten rust; hoe onzeker, hoe kunstmatig, +hoe gevaarlijk deze schijnbaar zoo vaste, zoo onwrikbare positie is; +hoe geheel die voorspoed, die onmetelijke rijkdom afhankelijk is +van omstandigheden, die men niet op den duur beheerschen kan, en in +een enkelen beslissenden schok reddeloos verloren kan gaan. Is het +wonder, dat dit besef, dit voorgevoel de kracht van den arm verlamt, +soms het hoofd doet duizelen en tot daden drijft, waarvan zij die +buiten staan vaak vergeefs de verklaring zoeken? + +Doch wij mogen ons door deze beschouwingen niet laten +medevoeren. Slechts dit wilden wij in het licht stellen, dat de +zoo opgewekte belangstelling in de ver verwijderde streken van het +uiterste Oosten, het streven naar machtsuitbreiding in die streken, +naar koloniaal bezit, een dieperen grond heeft, een politieken +zoowel als een socialen of economischen; en dat daarom al hetgeen +in die richting geschiedt in volle mate onze opmerkzaamheid en +belangstelling verdient. En niet minder is het de moeite waard, onze +kennis te vermeerderen van die landen, die tot dusverre als in de +schemering van het onbekende waren verborgen, en die wel nooit, naar +het scheen, geroepen zouden kunnen worden, op het wereldtooneel eene +rol te spelen. Dat is veranderd: niemand kan zeggen, of niet wellicht +morgen eene of andere vergeten plek, een of ander eiland, in den +grenzenloozen oceaan verloren, eene wereldhistorische beteekenis kan +erlangen; of niet van daar de vonk zal uitgaan, die een verwoestenden +wereldbrand ontsteken kan. + +Daarom meenden wij, bij de opening van een nieuwen jaargang van +ons tijdschrift, de aandacht van onze lezers te mogen vragen voor +het verhaal van een reistocht naar eene dier eilandengroepen in den +Indischen-oceaan, op de grenzen tusschen Azië en Polynesië, die reeds +door haar ligging geroepen schijnen, over korter of langer tijd eene +gewichtige rol te spelen of althans den terugslag te ondergaan van +groote gebeurtenissen. Het geldt de groep der Philippijnsche eilanden, +een van de weinige brokstukken, die Spanje uit de schipbreuk zijner +koloniale macht heeft gered en tot hiertoe behouden heeft. Onze gids +op dezen tocht zal de heer doctor J. Montano zijn, een fransch +geleerde, aan wien, naar een in Frankrijk heerschend en zeer +prijzenswaardig gebruik, in 1879, door het ministerie van onderwijs +eene wetenschappelijke zending naar de Philippijnen werd opgedragen. Na +deze misschien reeds te lange inleiding geven wij hem zelven het woord. + + +I + +Malakka. + + +Den 20_sten_ Mei 1879 nam ik met mijn vriend en collega, doctor +Paul Rey, plaats aan boord van het transportschip _l'Annamite_, om +mij te kwijten van de zending, mij door den minister van onderwijs +opgedragen. Den 19_den_ Juni kwamen wij te Singapore; de boot naar +Manilla vertrekt nog niet; van den overblijvenden tijd zullen wij +dus gebruik maken om een bezoek te brengen aan de inlandsche stammen, +die door de Maleiers naar de binnenlanden van het schiereiland zijn +teruggedrongen. + +Verscheidene booten varen geregeld tusschen Penang en Singapore; +maar onze tijd is beperkt; en hoewel eenigermate tegen onzen zin, +nemen wij plaatsen op de eerste stoomboot, die naar Malakka vertrekt: +de _Ben More_, eene chineesche boot, of ten minste aan eene chineesche +maatschappij behoorende. De eerste machinist alleen is een Engelschman; +al de verdere officieren zijn uit den Indischen-archipel geboortig. Een +agent van de maatschappij, een echte Chinees met een bril en eene +lange staart, ontvangt de reisgelden en schijnt aan boord met het +hoogste gezag besteed. Hij wandelt op de landingsbrug heen en weer, +met het air van een admiraal, maar bemoeit zich niet met de manoeuvres +van het schip. + +In den namiddag van den 27_sten_ Juni varen wij af; het dek is opgevuld +met arme, en de kajuit met rijke Chineezen, die vrij goed engelsch +en maleisch spreken. De tafel is overvloedig, naar anglo-maleischen +smaak: de Chineezen, hunne reputatie van groote matigheid vergetende, +laten zich de voedzame spijzen uitmuntend smaken. Wij zouden ons +met thee hebben moeten vergenoegen, indien niet onze buurman aan +tafel, met ons de eenige europeesche passagier, ons bereidwillig +had medegedeeld van zijn voorraad rooden wijn. Een wonderlijk +man was die vriendelijke tafelgenoot: hij was een napolitaansch +horlogemaker, die over Penang naar Italië terugkeerde, na gedurende +tien jaren rondgezworven te hebben door China, de Philippijnen, den +Maleischen-archipel en Australië. Hij is zeer bij de hand en vlug +van begrip, zeer vroolijk en opgeruimd, levendig, sterk gespierd; +hij praat zonder eenige moeite fransch, engelsch, duitsch, spaansch, +maleisch en het chineesche dialekt van Canton; maar ondanks al zijne +bekwaamheden, heeft hij geen fortuin gemaakt en keert hij naar Europa +terug, niet veel rijker dan bij zijn vertrek. + +Tegen den avond van den volgenden dag wierp de _Ben More_ het anker +uit op de reede van Malakka, op zeer grooten afstand van den wal; +wij riepen den schipper van eene voorbijvarende prauw aan en voeren +naar de monding van de kleine rivier, die midden door de stad Malakka +stroomt. Op den linkeroever zien wij eene lange reeks van hutten, +door kokosboomen overschaduwd; aan den rechteroever verrijst een vrij +hooge heuvel, waarvan de top gekroond wordt door eene groote kerk +van witten steen, die uit de verte gezien geheel ongeschonden schijnt. + +Wij varen de rivier op, die zich tusschen de armoedige, zeer smerige +woningen der maleische en chineesche bevolking heen slingert. Er +is te Malakka geen hotel; wij besluiten dus ons aan te melden bij +den eerwaarden pater Pouget, fransch priester-zendeling, en een +beroep te doen op zijne gastvrijheid. De uitnemende missionaris +stelt aanstonds zijn huis tot onze beschikking en laat onmiddellijk +onze bagage derwaarts overbrengen. Pater Pouget deelt ons mede, dat +zich te Malakka nog een ander landgenoot bevindt, de heer Rolland, +dien ik vroeger te Parijs gekend heb, en van wien ik weet dat hij +ons zeer nuttige inlichtingen zal kunnen geven. De heer Rolland, die +te midden der bosschen van Kessang, veertig mijlen ten noorden van +Malakka woont, is aanstonds bereid ons met zijne kennis ten dienst te +staan; hij verzekert ons dat zijne woning bij uitstek gunstig gelegen +is voor iemand, die de inlandsche rassen wenscht te bestudeeren. Hij +keert dien eigen avond naar zijne plantage terug, en noodigt ons uit, +met hem mede te gaan: welke vriendelijke uitnoodiging zonder bedenken +door ons wordt aangenomen. + +Wij gaan een bezoek afleggen bij den gouverneur van Malakka en tevens +een kijkje nemen van de stad. De waarnemende gouverneur, de majoor +Squirrel, is een van die engelsche officieren, die tusschen twee +veldtochten altijd een oogenblik weten te vinden om de kennismaking +met de parijsche boulevards te hernieuwen. Nu was hem het bestuur +opgedragen eener provincie, waar hij moet zorgen het evenwicht te +bewaren tusschen de niet altijd overeenkomende belangen van Europeanen, +Maleiers en Chineezen, die bovendien om vele andere redenen elkander +niet best kunnen verdragen. Voor de vervulling zijner gansch niet +gemakkelijke taak, kan de gouverneur beschikken over een honderdtal +engelsche soldaten en eene brigade inlandsche marechaussée, zoogenaamde +_mata-mata._ + +De majoor ontvangt ons met de grootste voorkomendheid; wij gebruiken +bij hem den _lunch_, in gezelschap van den luitenant Stevenson en den +chirurgijn-majoor Barrington. Het gesprek loopt natuurlijk over de +provincie en haar tegenwoordigen toestand. Malakka, dat vroeger een +zeer belangrijke haven was, heeft thans niet veel meer te beteekenen: +de groothandel heeft zich verplaatst naar Singapore en naar Penang. De +inlandsche stammen, sedert lang door de Maleiers van de kusten +verdreven, trekken zich meer en meer in het binnenland terug. De +gewapende invallen der Maleiers hebben sinds geruimen tijd opgehouden; +maar in de plaats daarvan komt thans de van dag tot dag verder om zich +grijpende, vreedzame verovering door de Chineezen, die op hun beurt +de Maleiers zullen verdringen. Reeds sedert lang hebben de Chineezen +zich meester gemaakt van den geheelen kleinhandel te Malakka en in +de omliggende dorpen: zij oefenen allerlei beroepen en bedrijven uit; +zij ontginnen de bosschen en leggen er groote maniocplantages aan; het +gouvernement verleent hun voor een tijdvak van tien jaren concessie +voor de ontginning, want de maniockultuur put den grond spoedig uit, +die dan een kwart eeuw braak moet blijven liggen. De Chinees is van +nature een veroveraar, altijd langs vreedzamen weg, en loert steeds +op de gelegenheid om ook de aangrenzende terreinen in te palmen; +de koloniale regeering heeft dikwijls genoeg de handen vol met het +toezicht over deze nijvere, energieke kolonisten, wier geweten hun +in den regel weinig last baart. + +Des avonds vertrokken wij met den heer Rolland naar zijne plantage. De +rijweg is zeer goed onderhouden. Tegen twee uren na middernacht +komen wij te Durian Touggal, een politiepost, waar eenige mata-mata +in bezetting liggen; ten zes uren zijn wij te Kessang, insgelijks +een politiepost, niet ver van de woning van den heer Rolland. Het +dorp Kessang zelf is niet veel meer dan een gehucht, met eene weinig +talrijke bevolking; maar in de uitgestrekte, tot het dorp behoorende +rijstvelden, die door een gordel van hooge boschrijke bergen worden +begrensd, liggen eene menigte maleische hutten naar alle kanten +verspreid. + +Reeds den volgenden dag kom ik, door de tusschenkomst van den heer +Rolland, in aanraking met een jongen Manthra, die door honger gedreven +de bosschen verlaten had en die vrij goed maleisch spreekt. Wij nemen +hem aanstonds in onze dienst: hij zal ons tevens als gids en tolk +dienen en bleek volkomen aan onze verwachtingen te beantwoorden. + +Pang Lima, zoo heette hij, nam op zich om ons naar zijne stamgenooten +aan den berg Bukit Kumunin, ongeveer twintig mijlen ten noorden van +Kessang, te voeren. Wij gaan met hem op weg en komen weldra in een +dicht bosch, waar wij vier uren lang de sporen volgen van het wild +gedierte; telkens wordt onze marsch gestuit door geweldige boomstammen, +die van ouderdom ter aarde zijn gestort. Het is een prachtig, echt +tropisch woud: reusachtige boomen stijgen overal als zuilen omhoog +en vermengen hun zwaar gebladerte, zoodat slechts een getemperd licht +door het dichte loofgewelf kan heendringen. + +Wij bereiken den zoom van een breed en diep ravijn; aan de overzijde +verheft zich een heuvel, een uitlooper van den Bukit Kumunin, die +met een even dicht bosch is bedekt als dat hetwelk wij zooeven zijn +doorgetrokken. Aan den voet van den heuvel bespeuren wij een kleinen +schralen akker en eene hut, die zich schier verliezen tusschen de +reusachtige boomen, wier schaduw de geheele plek overdekt. + +Pang Lima gaat alleen vooruit, voorzien van glaskoralen en tabak +en met last om de Manthras op onze komst voor te bereiden; want de +onverwachte verschijning van zoo buitengewone wezens als blanken, +zou den stam op de vlucht drijven en alle nadere aanraking onmogelijk +maken. Gelukkig behoeft onze gezant niet lang te onderhandelen: +weldra geeft hij ons een teeken, dat wij naderbij kunnen komen. + +De Manthras schijnen eerst als aan den grond genageld; eenige +vriendelijke woorden, door Pang Lima hun overgebracht, stemmen hen +aldra tot meer toenadering; en terwijl de vrouwen hout hakken en vuur +aanleggen voor ons ontbijt, kunnen wij op ons gemak de kleine groep +gadeslaan. Dertien personen, negen volwassenen en vier kinderen, +ziedaar de gansche stam, hier in de wouden verloren, en die maanden +lang in deze eenzaamheid doorbrengt, zonder andere inlanders te +zien. Deze arme lieden, bijna geheel naakt, onuitsprekelijk vuil, +uitgehongerd, ten prooi van afzichtelijke ziekten, leverden een +beklagenswaardigen aanblik op. De hut ziet er al even ellendig uit +als hare bewoners. Binnen eene door houten blokken afgeperkte, kleine +vierkante ruimte, liggen midden in de asch eenige andere blokken +half te smeulen; men zorgt er voor, dat dit vuur niet uitgaat, want +dan kost het moeite het weer te ontsteken. Men maakt namelijk vuur, +door twee stukken bamboe tegen elkander te wrijven. In een hoek +staan eenige ruwe potten en enkele manden, waarvan een de noodige +ingrediënten bevat om sirih te maken; tot onze verwondering zien +wij ook een muskietenscherm, dat zeker van een of anderen Chinees is +gekocht. De muskieten zijn een onuitstaanbare plaag in de wouden van +Malakka; en ik kan mij zeer goed den eerbied verklaren, waarmede de +arme Manthras deze vuile versleten gordijnen, die op honderd plaatsen +met allerlei stukken gelapt zijn, beschouwen. + +Men begrijpt lichtelijk wat onder zulke omstandigheden en bij zulke +lieden de landbouw te beteekenen heeft. Landbouwwerktuigen bezitten +zij niet; om het armzalige veldje rondom hunne hut te verkrijgen, +hebben de Manthras eenige boomen omgehakt en, nog eer zij geheel droog +waren, in brand gestoken; de bladeren, de twijgen en de lianen werden +dus alleen door het vuur verteerd; toen heeft men, met behulp van +scherp gepunte stokken, gaten gemaakt in den met de half vermolmde +boomen bedekten grond; vervolgens wat rijst en wat manioc geplant; +en daarna met kalme onderwerping afgewacht wat de uitkomst zou zijn +van al die inspanning. + +De Manthras leggen zich ook op de jacht toe en geven daarbij +bewijzen van groote behendigheid, maar hunne wapenen zijn zeer +gebrekkig. Zij hebben geen andere wapenen dan de _parang_, eene soort +van korten sabel, die tevens als mes en als bijl dienst doet en onder +verschillende namen in geheel den Indischen archipel gevonden wordt; en +de _sampitan_ of blaaspijp, waarmede zij vergiftige pijlen werpen. De +apen en de vogels blijven echter meestal buiten hun bereik. De +pijlen en de blaaspijpen maken zij zelven, maar de parangs ruilen +zij tegen andere voorwerpen in. Het ontbreekt den Manthras niet aan +verstand; maar grenzenlooze traagheid en zorgeloosheid maken iederen +vooruitgang onmogelijk. Pater Pouget, die hen sedert lang kent en met +ongeloofelijke moeite eenigen hunner op den zendingspost van Ayer +Salak, nabij Malakka, weet te houden, gaf mij van deze ongelukkige +wilden eene volkomen juiste beschrijving. Hunne taal is, volgens hem, +niet anders dan een maleisch dialekt, met eenige siameesche woorden +vermengd. De volgende dagen bezochten wij nog enkele andere stammen, +niet wezenlijk van de Manthras verschillende en een even ellendig +leven leidende. Zij zijn allen zachtaardig en zorgeloos; verregaande +traagheid is bij allen de heerschende eigenschap. Zonder eenigen +twijfel zouden al deze wilden voor zichzelven en voor hunne gezinnen +het noodige onderhoud kunnen verdienen, indien zij op de chineesche +plantages wilden werken, waar zij bovendien tegen aanvallen van +wilde dieren en van de Maleiers beveiligd zouden zijn; maar de +arbeid, en bovenal de vaste regelmatige arbeid is voor hen eene +straf, die hun alleen door geweld kan worden opgelegd. Veel liever +blijven zij in hunne hutten op den grond liggen, rookende en betel +kauwende; slechts de prikkel van den honger kan hen uit die dommelige +verdooving wekken. Toch weten zij zeer goed, aan welke gevaren deze +levenswijze hen blootstelt. Dikwijls genoeg worden deze ongelukkigen +door de Maleiers overvallen, die hunne vrouwen en kinderen wegvoeren, +en hen zelven tot slaven maken. Deze aanslagen worden wel gestreng +gestraft, wanneer zij ter kennis van de regeering komen; maar hoe +zou de regeering te Malakka kennis kunnen dragen van alles wat in de +binnenlanden, in het hart der bosschen, voorvalt? Ook al gelukt het +den gevangene te ontsnappen, dan weet hij toch niet tot wien zich te +wenden om recht te verkrijgen. + +Den 10_den_ Juli nemen wij afscheid van den heer Rolland en keeren naar +Malakka terug, langs denzelfden weg dien wij gekomen zijn, maar dien +wij toen niet hebben kunnen zien, omdat wij 's nachts reisden. Deze +weg, die om de geheele provincie loopt, nu eens door de bosschen, +dan weer door plantages, wordt zeer goed onderhouden en door posten +van mata-mata bewaakt. Wij komen door verschillende maleische dorpen, +die allen op elkander gelijken: in het midden een paar winkels van +chineesche kooplieden, een politiewachthuis, en verder, te midden van +struikgewas, bloeiende heesters en kokospalmen, omringd door buffels +en die sierlijke bultige inlandsche runderen, de verspreide hutten, +waarin het overdag altijd stil is, maar waaruit u des avonds vaak +melodisch gezang tegen klinkt. Door den prikkel van godsdienstigen +waanzin opgezweept, en in de woede van het gevecht, is de Maleier +vaak ontembaar woest en onverschrokken, maar in het gewone leven is +hij zachtaardig en boven alles op zijn gemak gesteld. Onder zijne +veranda gezeten, rookt hij zijn sigaar en wiegt zijne kinderen, uren +achtereen, terwijl de vrouw hout hakt, water put en alle huishoudelijke +werkzaamheden verricht. De kinderen zijn even kalm en zwijgend als +hun vader: zeer zelden zal men hen zoo luidruchtig en vroolijk zien +als de kinderen bij ons in Europa. + +In den omtrek van Malakka verandert het landschap van karakter: +het woud verdwijnt en de hutten van bamboe worden vervangen door +sierlijke, smaakvolle villa's, voor het meerendeel toebehoorende +aan chineesche kooplieden, die hun fortuin gemaakt hebben en zich nu +hier komen vestigen, ver van de drukte en het gewoel van Singapore en +Penang. Hunne fraaie equipages maken eene schitterende vertooning naast +de armzalige inlandsche rijtuigjes van de aanzienlijke Maleiers, altijd +opgevuld met vrouwen van allerlei leeftijd, die zich bij onze nadering, +voor den vorm, het gelaat bedekken met haar mousselinen sluier. + +De steeds dienstvaardige pater Pouget brengt ons naar de missie van +Ayer Salak, waar wij ons vrij lang in het latijn onderhouden met +jonge Manthras, die hunne opvoeding ontvangen hadden in het kleine +seminarie te Penang. Met den beminnelijken geestelijke gaan wij ook +een bezoek brengen aan het gesticht der zusters van het heilige kind +Jezus, meer bekend onder den naam van Dames van Saint-Maur: welk +gesticht een succursaal is van dat te Singapore. In deze kostschool, +waaraan tevens een weeshuis voor meisjes verbonden is, vindt men +vertegenwoordigers van alle rassen, die het land bewonen. Een fransche +zuster, bijgestaan door eene engelsche, is sedert twintig jaren belast +met het bestuur dezer inrichting: het zou inderdaad niet gemakkelijk +zijn, een voorbeeld te vinden van edeler toewijding, van grooter ijver +en van een beter besteed leven. Alle kinderen zijn even vroolijk +en opgewekt: zij zien er zeer netjes uit en leven onderling in de +beste verstandhouding, ondanks het verschil van ras; zij zongen voor +ons eenige fransche liederen, die zeer goed klonken. De superieure, +die zeer zeker tot oordeelen bevoegd is, verzekert ons dat de kleine +Manthras door gehoorzaamheid en gewilligheid ver uitmunten boven +hare andere leerlingen. Maar de meisjes, die in het weeshuis opgevoed +worden, keeren nooit naar haar stam terug: doorgaans trouwen zij een +Chinees, die haar een behoorlijk bestaan kan verzekeren. + +Den 13_den_ Juli gaan wij aan boord van de _Japan_, waar wij een +maleischen rajah en zijne echtgenoote aantreffen. Ook deze boot +behoort aan eene chineesche maatschappij. Den volgenden dag werpen +wij het anker uit op de reede van Singapore. De heer Brasier de Thuy, +directeur der _Messageries maritimes_, verschijnt aan boord en neemt +ons mede naar zijne gastvrije en smaakvolle woning, waar wij een +alleraangenaamsten dag doorbrengen. + +Den 15_den_ Juli begeven wij ons aan boord van de _Panay_, die geregeld +tusschen Singapore en Manilla vaart. + + +II + +Het eiland Luçon. + + +Den 21_sten_ Juli voeren wij de baai van Manilla binnen, die ten westen +wordt bestreken door de hoogten van de sierra de Marivelès. Twee uren +later bespeurden wij, te midden van het weelderige groen, de roode +daken van de hoofdstad der Philippijnen, schilderachtig rustende aan +den voet van blauwachtige bergen. + +Nauwelijks heeft de _Panay_ het anker laten vallen, of onze landgenoot, +de heer Louis Génu, agent te Manilla van het huis Guichard en Zoon +te Parijs, van onze aankomst verwittigd, verschijnt op het dek en +neemt ons mede. Gedurende onze tweejarige reis zullen wij dikwijls +genoeg met den heer Génu in aanraking komen, en steeds zullen wij +in zijn huis hetzelfde vriendelijke en hartelijke onthaal vinden, +terwijl zijne grondige bekendheid met menschen en toestanden in het +vreemde land ons van onschatbaar nut zal zijn. Toen ik eindelijk ziek +bij hem terugkwam, vond ik daar eene zoo zorgvuldige verpleging, +dat ik ongetwijfeld mijne gezondheid zou hebben terug gekregen, +indien niet de door het tropische klimaat veroorzaakte krankheden, +zoodra zij zekeren graad van ontwikkeling bereikt hebben, den terugkeer +naar Europa volstrekt noodzakelijk maakten. + +De stad Manilla gaat tegenwoordig snel vooruit; vroeger beperkt +binnen de wallen der oude vesting aan den linkeroever der rivier, +is de eigenlijke stad thans omringd door een gordel van zeer +aanzienlijke voorsteden, waarvan sommigen zich tot de naburige dorpen +uitstrekken. De bevolking der stad, de voorsteden daaronder begrepen, +bedraagt vijf-en-zeventigduizend zielen. Over het algemeen kan men +zeggen, dat de kolonie steeds in vrij bloeienden toestand verkeerd +heeft: natuurlijk met uitzondering van enkele minder gelukkige +tijdvakken, die trouwens in de geschiedenis van geen enkel land +worden gemist. Deze voorspoed is ongetwijfeld te danken aan de wijze +van bestuur, die reeds aanstonds door de koloniale regeering werd +ingevoerd en waarbij rekening werd gehouden met den volksaard en de +eigenaardigheden der inboorlingen. + +De eer van de ontdekking der eilandengroep komt aan den onsterfelijken +Magelhaens toe; maar de groote zeevaarder had nauwelijks den tijd om +zijne ontdekking te overzien. Den 31_sten_ Maart 1521 stapte hij aan +wal in het noordoosten van Mindanao, nabij de uitmonding van de rivier +Agusan; en reeds den 26_sten_ April daaraanvolgende werd hij door de +inwoners van het kleine eiland Mactan vermoord. Zijn onderbevelhebber +keerde weldra naar Europa terug met het schip _Victoria_, het eerste +dat de reis om de wereld heeft volbracht. + +In 1542 werd eene nieuwe expeditie uitgerust onder bevel van +Villalobos; door tegenwind opgehouden, bracht men het niet verder dan +tot in het gezicht van dezen archipel, waaraan de spaansche admiraal +den naam van de Philippijnen gaf, ter eere van den kroonprins, +den zoon van Karel V, die later als Philips II over de uitgestrekte +spaansche monarchie regeeren zou. Onder zijne regeering nam Spanje +voor goed van deze eilanden bezit. In 1564 landde Miguel Lopez de +Legaspi op het eiland Pojol, tusschen de eilanden Leyte en Cebu, +op welk laatste hij zich vestigde; in 1571 stichtte hij Manilla op +het eiland Luçon, het voornaamste van den geheelen archipel; in de +volgende jaren breidde de spaansche heerschappij zich langzamerhand +uit over Luçon en de groep der Bisayas-eilanden. + +De bevolking van de Philippijnsche eilanden verschilde toen niet +wezenlijk van de tegenwoordige. De inboorlingen van maleisch ras, de +Tagalen, Bisayas enz., toen nog afgodendienaars, hadden het grootste +gedeelte van het land in bezit. De Negritos waren reeds naar de bergen +van het binnenland terug gedrongen; de mohammedaansche Maleiers, +sedert onder den naam van Moros bekend, waren op Soeloe, op Palawan +en eenige andere punten van den archipel gevestigd; zij hadden zelfs +te Manilla een eigen rijk gesticht, Tondo genaamd, dat al spoedig +voor de spaansche wapenen bezweek. + +De onderwerping der Philippijnen vorderde niet veel tijd; ook duurde +het niet lang of de inboorlingen waren, door den ijver der spaansche +zendelingen, tot het Christendom bekeerd. De organisatie der nieuwe +kolonie was nu spoedig voltooid: de Spanjaarden schaften alleen de +slavernij af, maar waren voor het overige verstandig genoeg om de +bestaande hiërarchie in hare hoofdtrekken in stand te houden en de +aloude maatschappelijke inrichtingen te eerbiedigen. Het denkbeeld, +dat oostersche maatschappijen op dezelfde wijze en naar dezelfde +regelen moeten worden ingericht en geregeerd als onze westersche, +was toen nog in niemands hoofd opgekomen. + +In de plaats van de sultans en andere souvereine vorsten trad de koning +van Spanje op, vertegenwoordigd door den gouverneur-generaal, die zijne +residentie te Manilla had. De _datos_, meer of minder onafhankelijke +hoofden en landheeren, werden _capitanes, gobernadorcillos_ of +_tenientes_, en werden gehandhaafd in hun rang als hoofden der dorpen +en vlekken, die naar gelang van hunne beteekenis den naam ontvingen +van _pueblos_ of _visitas_, of wel den ouden naam van _barangay_ +behielden. Een zeker aantal dorpen of gehuchten vormden te zamen +een pueblo: eene administratieve indeeling, overeenkomende met ons +kanton, onze gemeente en onze parochie, want eene zelfde parochie +omvat dikwijls verschillende dorpen. Aan het hoofd der parochie staat +de pastoor (_padre cura_), wien de zorg voor de godsdienstige belangen +zijner parochianen is opgedragen, en die metterdaad eene zeer groote +macht uitoefent. De gobernadorcillos, bijgestaan door de tenientes +en door de notabelen of _cabezas_, nemen ongeveer dezelfde functiën +waar als bij ons de maires, de vrederechters en de ontvangers; zij +zijn verantwoordelijk voor de inning der belasting, die bij wijze +van hoofdgeld geheven wordt en den naam draagt van _tributo_. + +Ziedaar in hoofdtrekken het stelsel van bestuur, dat reeds in de +eerste tijden na de verovering op de Philippijnen werd ingevoerd +en dat tot op den huidigen dag is gehandhaafd, tot groot voordeel +zoowel van de bevolking als van de spaansche regeering, wier gezag +nooit ernstig werd bedreigd. De massa der bevolking was al spoedig +gewonnen voor een gouvernement, dat de slavernij afschafte en in +de plaats van de willekeurige afpersingen en knevelarijen der datos +eene vaste belasting hief en bepaalde heerendiensten voorschreef. En +de hoofden zelven, van hun door niets beperkt gezag beroofd en door +hunne hoorigen in den steek gelaten, mochten zich nog gelukkig rekenen, +althans een deel van hunne macht en de aan hun rang verschuldigde eer +te behouden, hoewel hunne nieuwe functiën niet erfelijk waren, maar +zij telkens door het gouvernement werden benoemd. Uit den aard der +zaak echter bleven deze betrekkingen gedurende zeer langen tijd, in +zekeren zin, een familiegoed van de geslachten der vroegere hoofden; +men vindt nog tegenwoordig te Manilla afstammelingen van de oude +souvereinen des lands; deze familiën genieten de algemeene achting +en worden ook door de regeering, die weet niets van haar te vreezen +te hebben, met onderscheiding behandeld. + +De lezer zal te beter dit stelsel van koloniaal bestuur kunnen +waardeeren, wanneer wij later de binnenlanden zullen bezoeken van +het groote eiland Mindanao, dat voor een deel nog onafhankelijk is, +maar waar het spaansch gezag zich voortdurend uitbreidt. Het stellen +van vaste regelen in de plaats van de willekeur der hoofden, +en het opdragen van de handhaving der wetten en reglementen +aan de aanzienlijken zelven, die daarvoor aan het gouvernement +verantwoordelijk zijn, was een verstandige maatregel, die op de +Philippijnen steeds proefhoudend is gebleken. Op die wijze worden de +belangen van het volk behartigd en wordt tevens de aristokratie niet +in haar rechten en in haar gevoel van waardigheid gekrenkt; bovendien +wordt ook het centrale gouvernement niet gemengd in alle bijzonderheden +van plaatselijk bestuur en huishouding, en is het ontheven van de +altijd onaangename taak om voor de inning der belasting te zorgen. + +Het ligt niet in mijn plan om ditmaal over de stad Manilla +en hare omstreken te spreken; wellicht bestaat daartoe later +gelegenheid. Evenmin kan ik hier uitweiden over de hartelijke +en gastvrije ontvangst door hunne excellenciën, den betreurden +kapitein-generaal don Domingo Mariones y Morillo, en den +schout-bij-nacht don Rafael Rodriguez de Arias y Villavicencio; +en over de vriendelijkheid en voorkomendheid van alle Spanjaarden, +geestelijken, ambtenaren, partikulieren, met wie wij in aanraking +kwamen. + +Den 31_sten_ Juli vertrokken wij naar Balanga, de hoofdstad +van de provincie Bataan, aan de westkust van de baai van Manilla +gelegen. Uithoofde van de banken en ondiepten, kunnen de booten niet +te Balanga zelf aanleggen, maar moeten op vrij grooten afstand van +de kust het anker uitwerpen. De heer Génu heeft echter een brief +geschreven aan een zijner vrienden te Balanga, don Cypriano del +Rosario, _escribano_, zooveel als griffier en notaris, die eene sloep +zal afzenden om ons af te halen. + +Des morgens ten acht uren vertrekken wij van Manilla. Onze stoomboot, +die tweemaal per week langs de noord- en de noordwestkust van de +baai vaart, is zeer klein, en er gaat eene sterke branding. Wij zijn +bijna de eenige passagiers van de eerste klasse; de boot is verder +opgevuld met chineesche kooplui en met Tagalen, vergezeld van hunne +onafscheidelijke pupillen, de voor de openbare gevechten afgerichte +hanen. Menschen en beesten hebben allen te lijden van de zeeziekte, +waardoor wij althans verschoond blijven van het oorverdoovend gekraai, +dat de hanen laten hooren, zoodra zij een mededinger in het oog +krijgen. + +Wij houden stil tegenover de rio de Orani, op ongeveer vier mijlen van +de kust. De banca, prauw, van don Cypriano is ter plaatse tegenwoordig; +wij herkennen haar dadelijk, te midden der andere vaartuigen, aan +de vele driekleurige vlaggen, waarmede haar eigenaar haar te onzer +eere versierd heeft. De overscheping gaat niet gemakkelijk, want +de branding is nog sterker geworden, en wij verstaan geen woord van +hetgeen de schipper ons aan het verstand wil brengen. Eindelijk zijn +wij dan toch in de prauw en zetten koers naar het strand. Onze twaalf +roeiers, wien het zweet langs het lichaam druppelt, hebben eene zware +taak; de lange prauw, door de golven omhoog getild, zweeft telkens +ter helfte in de ledige ruimte, en schijnt op het punt van te breken; +dan wipt zij voorover en dompelt zich eensklaps in de holte der golf, +waarbij een wolk van schuim de roeiers overspat, die daarop met +gillende kreten antwoorden. Onder den wal gekomen, roeien wij midden +door den doolhof der _corrals_, paalwerken, van de visscherijen; en +bereiken eindelijk, na herhaaldelijk te hebben vastgezeten, de rio +de Balanga, die ter wederzijde is omzoomd door hutten, van gelijke +gedaante als die der Maleiers te Malakka, maar veel zindelijker. Don +Cypriano wacht ons met zijn rijtuig, en brengt ons door het vroolijke, +volkrijke vlek. In de woning van onzen gastheer worden wij door zijne +echtgenoote ontvangen met de gebruikelijke begroeting: _Han tomado +Ustedes posesion de su casa_. Uwe Edelheid heeft bezit genomen van haar +huis. Die woorden zijn intusschen meer dan eene ijdele formule; zij +zijn oprecht gemeend, en de spaansche ridderlijkheid en gastvrijheid +verloochent zich ook op de Philippijnen geen oogenblik. + +Ons bezoek aan de provincie Balanga had, gelijk trouwens onze missie +in het algemeen, voornamelijk een ethnografisch doel. De reiziger, +die op zijne zwerftochten door den grooten Indischen archipel, van +Luçon naar Java en van Sumatra naar de Molukken, niet anders ziet dan +de kusten en de riviermonden, vervalt lichtelijk in de dwaling, dat +al deze eilanden door hetzelfde menschenras worden bewoond, en dat men +overal enkel Maleiers, meer of minder gewijzigd, ontmoet. Deze Maleiers +behooren echter slechts tot het krijgshaftige, veroverende ras, dat +zich eerst later op die eilanden gevestigd heeft; door vermenging met +andere rassen is hun oorspronkelijke type in meerdere of mindere mate +dikwijls gewijzigd, maar de hoofdtrekken bleven behouden, en daaraan +kan men nog overal de Maleiers herkennen. In de berg- en boschachtige +streken der binnenlanden wonen echter andere rassen, die onderling +verschillen en reeds lang voor de komst der maleische veroveraars +in het land gevestigd waren. Reeds te Malakka maakten wij op dit +verschijnsel opmerkzaam, dat wij overal zullen aantreffen. De Tagalen +of Tagalocs vormen de massa der bevolking van Manilla; wij zullen hen +ook ontmoeten in de provincie Bataan of Balanga, en zouden hen ook +in andere provinciën kunnen vinden. Even als andere verwante stammen, +de Bicols, de Bisayas enz., onderscheiden zij zich alleen van de +zuidelijke Maleiers door de sterkere vermenging met geel of zwart +bloed. Sedert de vestiging der Spanjaarden zijn zij Katholieken en +hebben geheel de vormen der europeesche beschaving overgenomen; zij +bezitten grooten aanleg niet alleen voor werktuigkunde, maar vooral +ook voor teekenen en muziek. Onder leiding van een opmerkzamen, +energieken chef, zijn zij, als werklieden of landbouwers, vlijtig +en werkzaam; als soldaten of matrozen, dapper en geduldig. Maar aan +zich zelven overgelaten, is de verzoeking tot traagheid, die hun in +het bloed zit, hun te machtig; onder meer dan een opzicht, doen zij +u denken aan de voormalige lazzaroni te Napels, wier geslacht nu ook +uitgestorven is. Toen de Spanjaarden in den archipel verschenen, was +niet lang te voren de Islam daar ingevoerd; zonder de tusschenkomst +der Europeanen zou hij ongetwijfeld binnen korten tijd deze vadsige, +vreedzame, lijdelijke bevolking hebben onderworpen, en zouden de +Philippijnen thans in de macht zijn van de mohammedaansche Maleiers +van Soeloe en Mindanao. + +In de bergen die de baai van Manilla omzoomen, van San-Mateo tot de +sierra de Marivelès, en op nog een aantal andere plaatsen en eilanden, +vindt men een menschenras, ten eenemale verschillend van de Tagalen, de +Bisayas en van alle stammen, die tot het groote gele ras behooren. Dat +zijn de Negritos, die uit een anthropologisch oogpunt ten zeerste de +aandacht verdienen, omdat zij buiten kijf de oorspronkelijke bewoners +dezer eilanden zijn. Zij leven in bijna volkomen onafhankelijkheid, +als wilden, meer of minder gemakkelijk te naderen, naar gelang van +de wijze waarop de omwonende bevolking hen behandelt. Verschillende +overwegingen brachten ons tot het besluit dat de Negritos van de +sierra de Marivelès, in de provincie Bataan, het gemakkelijkst te +naderen en te bestudeeren zouden zijn: ziedaar de reden, waarom wij +naar Balanga zijn gegaan. + +De uitkomst overtrof onze verwachtingen. Die ongelukkige Negritos, +de eerste bezitters van den grond, zijn door de Tagalen van de oevers +der zee en der rivieren en uit de vlakten verdreven; daarmede nog +niet voldaan, hebben de veroveraars ook den goeden naam van hun +slachtoffers in discrediet gebracht: volgens hen zijn de Negritos +dieven, moordenaars en brandstichters. De feiten, waarop men zich +tot staving van deze beschuldigingen beroept, zijn doorgaans niet te +loochenen; maar de Tagalen vertellen er niet bij, dat de aanvallen +en geweldenarijen der Negritos meestal niet anders zijn dan daden +van weerwraak. + +Onder het verlicht en rechtvaardig bestuur van den tegenwoordigen +_alcade_ (gouverneur) van de provincie Bataan, leven de Negritos in +goede verstandhouding met de Tagalocs, en geven geene aanleiding tot +eenige klacht. Het zal ons geene moeite behoeven te kosten, hen te +Balanga zelf te bestudeeren, waar zij gewillig komen, en ook in hunne +bergen, die wij zonder eenig gevaar kunnen bezoeken. + +Inmiddels kleeden wij ons in den afschuwelijken zwarten rok, met +witte das en wat verder tot het ideaal-smakelooze moderne galakostuum +behoort, om, vergezeld van don Cypriano, onze opwachting te gaan maken +bij den gouverneur. Het is echter nog te vroeg, en wij hebben al den +tijd om eerst een wandelrit te maken. Wij volgen den weg van Abucay, +die midden door de vlakte tusschen de zee en de eerste uitloopers +van de sierra de Marivelès loopt. Deze geheele vlakte is bedekt met +rijstvelden, afgewisseld door moerassen, waaruit de buffels hunne +zware donkere koppen opsteken tusschen de groene lotusstengels en +het dichte riet; talrijke groepen van arbeiders komen, in hun wit +of kleurig gewaad, schilderachtig uit tegen den bruinen grond; op +den achtergrond verrijst de berg van Abucay, tot den top met zwaar +geboomte begroeid. De hemel is bewolkt en een zacht getemperd licht +beschijnt het geheele fraaie, kalme landschap. + +Het is reeds laat in den namiddag; wij zetten onze kleine paarden +in draf en keeren naar Balanga terug. De alcade, don Estanislao +Chaves, ontvangt ons met de grootste hartelijkheid, evenals de heer +Perez,_promotor fiscal_, zooveel als procureur-generaal, die zich +juist in de _Casa Real_, het gouvernementshuis, bevindt. De heer Chaves +noodigt ons allen te dineeren, en wij brengen een prettigen avond door, +pratende over de Philippijnen, die al deze heeren door en door kennen. + +Reeds den volgenden morgen, dank zij de bemoeiingen van den gouverneur +en van don Cypriano, meldt zich een gezelschap Negritos bij ons +aan. Deze wilden stellen een onbepaald vertrouwen in den heer Chaves, +die hen, langs bedaarden, verstandigen weg en zonder dwang, heeft +weten te bewegen om het spaansche gezag te erkennen, zonder van hen +de belasting te vorderen, die zij niet in staat zijn op te brengen. + +De Negritos, die ons komen bezoeken, zijn naakt, met uitzondering +van hun opperhoofd, die wel geen pantalon, maar daarentegen een rok +naar de mode van het jaar '30 draagt, benevens een zwarten hoed, +waarvan de zijde naar den verkeerden kant is geborsteld. Hoewel zij +in het minst geene vrees koesteren, hebben deze arme drommels toch +in hun voorkomen en houding iets van de honden van akrobaten, die +geduldig het oogenblik afwachten, waarop een zweepslag hun het teeken +geeft om door een hoepel te springen. Wij bieden hun verschillende +geschenken aan; terwijl mevrouw del Rosario hun een stevigen maaltijd +laat voorzetten en vriendelijk met hen praat. Weldra is nu het ijs +gebroken; het opperhoofd zegt dat wij, zoowel hier als in de bergen, +met hem en zijn stam kunnen doen wat wij verkiezen: van de vrienden +van den alcade en den escribano heeft hij geen kwaad te vreezen. + +De Negritos zijn zwart-bruin van kleur en hebben daardoor, zoowel als +door hun wollig kroes-haar, veel overeenkomst met de negers van Afrika +en ook met de bewoners van Nieuw-Guinea, waarvan zij toch ook weder +in belangrijke punten verschillen. De vorm van hun schedel is breed; +hunne gestalte is buitengewoon klein: volgens onze waarnemingen, +is de gemiddelde grootte bij de mannen 1.48 M. en bij de vrouwen 1.46 +M. Hun smalle borst, hun magere beenen zonder kuiten en hun naar binnen +gebogen voeten geven hun een voorkomen van zwakte en onbeholpenheid; +zij zien er echter in het minst niet terugstootend uit en zijn niet +veel onzindelijker dan de inboorlingen op het schiereiland Malakka. Dat +zijn de voornaamste kenmerken van deze vroegere bezitters van den +grond, die weleer al de Philippijnen bevolkten en wier gebied zich +vermoedelijk nog veel verder uitstrekte, daar de heeren de Quatrefages +en Hamy de eigenaardige kenmerken van hun ras hebben terug gevonden bij +sommige schedels in Indië en in Japan. Om hunne levenswijze en hunne +gebruiken te leeren kennen, zullen wij hen in hunne bergen opzoeken. + +Na een langen rit midden door de rijstvelden, komen wij aan den voet +van den berg Samat, een uitlooper van de sierra de Marivelès, ten +westen van Balanga. Wij laten onze paarden achter in eene hacienda, +die aan don Cypriano behoort, en beginnen den berg te beklimmen. Onze +tocht wordt bemoeilijkt door de rijstvelden, die tot eene aanmerkelijke +hoogte reiken en een veel minder overvloedigen, maar wat het gehalte +aangaat veel beteren oogst opleveren dan die in de vlakte. Ieder veld +is omringd door een corral (palissade), hetgeen noodig is om de wilde +zwijnen af te weren; maar wij zijn telkens genoodzaakt over die hekken +heen te klimmen, wat op den duur vreeselijk vermoeiend is. Na verloop +van eenigen tijd bereiken wij de grens van de plantages der Tagalocs, +en steeds klimmende, komen wij aan het gebied der Negritos. Op den +top van een terp, te midden van een pas ontgonnen plek, waar men +nog de overblijfselen der omgehouwen en half verbrande boomstammen +ziet, staat de kleine, maar vrij zindelijke hut van het opperhoofd, +in vorm en bouw geheel overeenkomende met de hutten der Tagalocs. Van +deze hoogte heeft men een prachtig uitzicht: wij overzien de geheele +baai van Manilla, omlijst door een amphitheater van blauwe bergen; +voor onze voeten strekt zich tusschen de zee en de eerste heuvelen, de +bebouwde vlakte uit, een bloeiende tuin, gevormd door de regelmatige +vierkanten der rijstvelden, afgewisseld door sierlijke boomgroepen +en doorsneden met talrijke beken. Achter ons verheffen zich hooge +bergen, met ondoordringbare wouden bedekt. In de nabijheid, op de +andere hoogten, ziet men de kleine akkers en hutten van de overige +leden van den stam. + +Het opperhoofd, die bij onze komst geheel naakt was, haast zich +den mooien rok aan te trekken, waarop hij niet weinig trotsch is; +hij en zijne vrouw beginnen nu uit alle macht te schreeuwen om hunne +onderdanen bijeen te roepen; hun geschreeuw klinkt als een echo van +hut tot hut, en weldra is de geheele stam, een twaalftal mannen en +ongeveer evenveel vrouwen, rondom ons vergaderd. + +Terwijl deze arme lieden hun hart ophalen aan de levensmiddelen, die +wij hebben medegebracht, nemen wij de woning van hun opperhoofd wat +nader in oogenschouw. Daartoe is niet veel tijd noodig, want de hut +bevat letterlijk niets dan twee bogen, vijf of zes pijlen en een half +dozijn borden, de hemel mag weten tot welken prijs in den naburigen +pueblo ingeruild. Hoe uiterst eenvoudig de levenswijze der Negritos +ook moge zijn, toch heeft de aanraking met de Tagalocs althans +eenige behoeften bij hen gewekt: zij begeeren tabak, wat katoen, +ijzer voor de punten hunner pijlen; in ruil daarvoor geven zij rijst, +harst en honig uit de bosschen. In den regel worden zij gruwelijk +beet genomen en bestolen, want zij hebben niet het flauwste begrip +van het spaansche geld, en ook de knapste koppen onder hen raken de +klus kwijt als zij verder dan vier of vijf moeten tellen. + +Na afloop van den maaltijd laten wij hun eenige flesschen _anisado_ +(ongesuikerde anisette) en een kistje sigaren geven, van welk een en +ander zoowel de vrouwen als de mannen haar deel nemen. Eenige stukken +katoen, enkele halskettingen en messen, zijn meer dan voldoende om de +gunst der wilden te winnen, die, om hunne dankbaarheid te toonen, een +dans uitvoeren, welke ondanks zijn min of meer krijgshaftig karakter, +toch tot de plechtigheden behoort, waarmede het huwelijksfeest wordt +opgeluisterd. + +De mannen scharen zich in een kring: ieder legt zijne linkerhand +op de heup van zijn voorman en zwaait met de rechterhand zijn +boog en pijlen. Zoo draaien zij langzaam, met afgemeten passen, in +het rond, daarbij telkens den hiel van den linker voet met kracht +nederzettende. In het midden van den kring staan drie vrouwen, die +zoo luid mogelijk een lied zingen, waarvan de melodie niet veel meer +is dan één aanhoudend gegil. Een jonge Negrito, die van tijd tot tijd +op een tamboerijn slaat, dringt haastig in den kring door, draait om +de vrouwen heen, verwijdert zich, komt weer terug en is onophoudelijk +in beweging, juist als een dief die op een of ander voorwerp loert, +maar bang is om betrapt te worden. Onze tolk zegt ons, dat die knaap +den duivel moet verbeelden, of ten minste den Tagaloc, die in de +oogen der Negritos met den booze gelijk staat; het is ons evenwel +niet mogen gelukken nadere inlichtingen in te winnen omtrent dit zoo +belangrijk personage, wiens tegenwoordigheid alleen voldoende is om +het bewijs te leveren dat ook bij de Negritos het besef van en het +geloof aan het bovennatuurlijke bestaat. Trouwens, hoe zou het ook +anders mogelijk zijn: dit besef toch behoort tot het innigste wezen +van den mensch en openbaart zich dan ook overal en ten allen tijde. + +De dansers worden beloond met nog een paar flesschen anisado en +sigaren; vervolgens noodigen wij hen uit, met den boog te schieten. Wat +wij vermoed hadden, bleek waarheid te zijn: de Negritos zijn zeer +onhandige schutters. Dit is mede een der redenen van den voortdurenden +achteruitgang van hun ras. Onophoudelijk vervolgd en gekweld door +andere wilde stammen, die hun meerderen zijn, kunnen de Negritos ter +nauwernood eenige bananen en andere planten kweeken, en zijn zij voor +hun levensonderhoud in de eerste plaats afhankelijk van de jacht; +maar door hunne onhandigheid en onbeholpenheid is dit een hoogst +onzeker middel van bestaan. De Negritos van de provincie Bataan zijn +in dat opzicht bevoorrecht boven velen van hun stamgenooten. Zij leven +in vrede, zonder door iemand bemoeilijkt te worden; wij hebben dan +ook alle gelegenheid om ons geheel op de hoogte te stellen van hunne +levenswijze en gebruiken, te meer daar zij hieromtrent volstrekt niet +achterhoudend zijn. + +Het opperhoofd is natuurlijk tevens de hoogste rechter: hij doet +uitspraak in alle geschillen en vonnist over alle misdrijven. Zijn +er grijsaards in den stam, dan is hij verplicht, ook hun raad in te +winnen. Zij kennen maar ééne straf, de doodstraf, die niet alleen +op moord, maar ook op diefstal en overspel en bijna alle andere +misdrijven staat. Echter komen, uit den aard der zaak, zulke gevallen +zeldzaam voor. Het gedrag van de jonge meisjes laat doorgaans niets +te wenschen over: het minste vermoeden van het tegendeel zou haar alle +kans doen verliezen om een echtgenoot te vinden. De Negrito koopt zijne +vrouw niet, zoo als men verwachten zou dat het geval was; hij geeft +slechts een klein geschenk aan zijn aanstaanden schoonvader, die in +ruil daarvoor, bij wijze van uitzet, aan zijne dochter eenige dingen +ten geschenke geeft, welke haar persoonlijk eigendom blijven. Het +huwelijk gaat met groote feestelijkheden gepaard; de bruid en de +bruidegom moeten in twee dicht bij elkaar staande, zeer buigzame +jonge boomen klimmen; het opperhoofd buigt die boomen tot elkander, +en wanneer de voorhoofden der jonge lieden elkander hebben aangeraakt, +is het huwelijk voltrokken. + +De eigendom is behoorlijk geregeld. De akker is het eigendom van +dengeen, die den grond heeft ontgonnen, en van zijne erfgenamen. Als +bij den dood van het hoofd des gezins de moeder nog leeft, wordt de +nalatenschap in twee gelijke deelen verdeeld: de eene helft komt aan +de moeder toe, de andere aan de kinderen, die hun portie onderling +deelen. De liefde der ouders voor hunne kinderen is zeer groot, en de +kinderen betoonen hun ouders den verschuldigden eerbied. Uit de zorg, +die men voor de graven draagt, blijkt dat de wederkeerige genegenheid +niet met den dood ophoudt. Tot mijn leedwezen is het mij niet mogen +gelukken, met juistheid te weten te komen, welke voorstellingen de +Negritos zich maken omtrent het leven aan genezijde des grafs. + +De levenswijze der Tagalocs is natuurlijk veel minder eenvoudig; maar +zoowel hier als in de andere provinciën werden wij getroffen door de +goede verstandhouding, die bij hen tusschen meesters en dienstboden, +tusschen patroons en werklieden bestaat. Gedurende ons verblijf +te Balanga, hebben wij bij herhaling den avond doorgebracht bij de +aanzienlijkste inwoners en bij den gobernadorcillo. Als men binnenkomt, +is het bijna onmogelijk, de heeren van de dienstboden te onderscheiden: +beiden gaan barrevoets en dragen dezelfde kleeding, beiden groeten op +dezelfde wijze en kauwen betel. Eerst als wij gezeten zijn, verlaten +de talrijke dienstboden de kamer; zij blijven dan doorgaans voor de +steeds geopende deur staan, want het gebeurt niet zoo heel dikwijls +dat zij een Europeaan ontmoeten, met uitzondering van priesters en +ambtenaren. Hunne houding is vrijmoedig en tevens eerbiedig; blijkbaar +scheppen ook zij groot behagen in de tonen van de piano en van de harp +of guitaar, die nooit op eene tertullia, soireetje, bij de Tagalen +mogen ontbreken. Het ameublement van deze woningen, zelfs bij de +meest gegoeden, is hoogst eenvoudig. Behalve de muziekinstrumenten, +zooals de uit Parijs of Madrid afkomstige en dus zeer dure piano's, +ziet men niets dan eenige zeer ordinaire meubelen: stoelen van rotting +in allerlei vorm, eenvoudige tafels, godsdienstige platen tegen de +wanden, somtijds ook een godsdienstig boek, in de laatste jaren te +Manilla gedrukt en dat, door papier en druk, herinnert aan de boeken +der zeventiende eeuw. Somwijlen ziet men ook, onder eene glazen stolp, +eenige beeldjes, die een of ander tafreel uit de gewijde geschiedenis +voorstellen. Deze beeldjes, die te Manilla vervaardigd worden, zijn +in den regel van ivoor en zeer goed bewerkt: de kleederen der figuren +prijken met ornamenten van massief goud. + +Over het algemeen is alles wat tot de eeredienst betrekking heeft +op grootschen voet ingericht. De kerken, de torens en _conventos_ +(pastoriën) zijn de eenige gebouwen, die geheel van steen worden +opgetrokken. Als men des avonds door de stille, sluimerende pueblos +gaat, wordt de aandacht aanstonds getrokken door eene groote helder +verlichte nis in den steenen voorgevel der kerk; in die nis prijkt +het gekleurde beeld van den heiligen schutspatroon, onder wiens +hoede de geloovigen veilig rusten. + +Natuurlijk heeft hunne bekeering tot het Christendom niet alle sporen +van hun vroeger bijgeloof uitgewischt. Slechts een enkel staaltje +daarvan. Toen wij op zekeren avond langs een boschje van bamboe gingen, +verhaalde onze gids ons, dat 's nachts, bij lichte maan, reusachtige +witte ruiters, door honden gevolgd, door dit boschje rondrijden, onder +luid gezang en geblaf der honden; de ontmoeting van deze spookgestalten +is altijd noodlottig: hij die deze bovenaardsche ruiters ziet, begint +te kwijnen en sterft na verloop van korten tijd. Hebben wij in dit +sprookje eene min of meer gewijzigde lezing te herkennen van het bij +ons in Europa zoo bekende verhaal van den Wilden Jager? Den 15_den_ +Augustus vertrokken wij van Balanga en keerden naar Manilla terug, van +waar wij, een paar weken later, ons naar de provincie Albay begaven. + +Ook deze reis ging aanvankelijk over zee. Onze vriend, de heer Génu, +brengt ons aan boord van de _Cébu_, en stelt ons voor aan den kapitein, +don Liborio de Tremoya, die zich aanstonds, met echt castiliaansche +hoffelijkheid, te onzer beschikking stelde. + +De kust van Luçon volgende, kwamen wij den volgenden dag, 3 September, +op de hoogte van het eiland Marinduque, dat zeer bevolkt en uitnemend +bebouwd is, vooral in het westelijk gedeelte. Het groote eiland +Mindoro, meer naar het zuidwesten gelegen, was vroeger de korenschuur +der Philippijnen. Mindoro was ontgonnen en gekoloniseerd door paters +Jezuïeten en bereikte onder hunne leiding en bestuur een hoogen trap +van welvaart. De opheffing der Orde, in de vorige eeuw, die onder +zoo menig opzicht verderfelijke gevolgen na zich sleepte, bracht +ook aan het eiland Mindoro een doodelijken slag toe. De razzias der +Moros--de mohammedaansche Maleiers van Palawan, Mindanao, Soeloe, +Borneo en andere eilanden,--voltooiden den ondergang van het eens +zoo bloeiende gewest. De zeer geslonken tagaalsche bevolking heeft +zich bijna uitsluitend aan de kust teruggetrokken. Eenige half wilde +Manguianen zwerven door de dichte wouden van het binnenland, waar de +vergeten ruïnen sluimeren der vroeger volkrijke en welvarende pueblos. + +Op de hoogte van Marinduque begint de kust van Luçon van karakter te +veranderen: de bosschen en wouden worden nu telkens afgebroken door +uitgestrekte velden met _cogon_ beplant, eene grassoort die in den +geheelen archipel onafzienbare terreinen bedekt. Doorgaans woekert +zij welig voort op verlaten akkers en plantages; zij is van weinig +nut, en wordt somwijlen gebruikt als dakbedekking voor de hutten der +inlanders. Bij gebrek van ander voedsel, geeft men de jonge plantjes +ook wel aan buffels en paarden. Hoe verder wij komen, hoe woester en +eenzamer de kust wordt: de boschrijke heuvelen worden, naar men zegt, +alleen door enkele _remontados_ bewoond, wier ongunstige reputatie +vrij wel overeenkomt met die der bandieten van de Abruzzen. Ik begrijp +niet, hoe het iemand kan invallen, in deze onbewoonde wildernissen +het beroep van roover te gaan uitoefenen. + +In den vroegen morgen van den 5_den_ September varen wij de golf van +Albay binnen, en houden ons dicht onder den noordelijken wal, om de +talrijke banken te vermijden, die zich langs de zuidkust, ver in zee +uitstrekken. Ter wederzijde van de golf verheft zich eene keten van +boschrijke bergen. Tegenover ons, op den achtergrond, verrijst de +trotsche Mayon, de groote vulkaan van Albay, ruim zeven-en-twintig +honderd meters hoog; de onderste helft van den regelmatig gevormden +berg is geheel begroeid; de eigenlijke kegel is met asch en lava +bedekt, waarin de geweldige tropische regenvloeden diepe sporen +hebben gegraven. + +Omstreeks half zeven liet de _Cébu_ het anker vallen voor het stadje +Legaspi, op ongeveer twee mijlen afstands van Albay, de hoofdstad +der provincie, gelegen. Wij vertrekken aanstonds met het rijtuig +van een spaansch koopman, don José Ortiz, naar Albay, en ontmoeten +onderweg den beminnelijken gouverneur der provincie, den alcade don +Juan Alvarez Guerra, aan wien wij door onze landgenooten, de heeren +Grénu en Dudemaine, zijn aanbevolen. De alcade zegt aanstonds dat wij +ons als zijne gasten hebben te beschouwen; en de daad bij het woord +voegende, geeft hij ons logies in de Casa real, het gouvernementshuis. + +De heer Guerra brengt ons weldra in aanraking met de verschillende +leden der europeesche, en ook met de voornaamste vertegenwoordigers +der ook hier zeer talrijke chineesche kolonie. Te Albay vindt men een +aantal chineesche handelshuizen, die zeer belangrijke zaken doen; en +in de pueblos worden bijna alle handwerken en beroepen door Chineezen +uitgeoefend, de overal meer en meer de inlanders verdringen en in +economischen zin van zich afhankelijk maken. Deze chineesche bevolking, +wier aantal van jaar tot jaar groeit en de Philippijnen dreigt te +overstroomen, bevat zeer verschillende elementen; ongetwijfeld vindt +men onder die scharen van landverhuizers een zeker aantal schurken +en bandieten, die vroeg of laat in den kerker terecht komen; maar +verreweg de meesten, slim, vol overleg, matig, onvermoeid, maken hun +fortuin. Daar komt bij dat zij elkander trouw helpen; bijna iedere +Chinees, die te Manilla aankomt, heeft eene aanbeveling bij zich +aan een of anderen landgenoot, die hem aanstonds met raad en daad +bijstaat. Zij, die zoodanige aanbeveling missen en bijna naakt aan wal +stappen, pakken letterlijk alles aan wat hun voor de hand komt. Door +de zonnestralen geblakerd of druipende van den regen, zwoegt de +Chinees van den morgen tot den avond: hij is sjouwer, straatveger, +boodschaplooper, al wat ge wilt; hij voedt zich met wat vruchten en +betel, en vast dikwijls genoeg; zijne gansche kleeding bestaat uit een +soort van zwembroekje, waarin hij zijne beurs bergt. Die beurs bevat +zijne geheele fortuin en zijne toekomst; gaandeweg vult zij zich; wel +slinkt soms eensklaps zijn schat door verliezen bij de hanengevechten, +bij het kaartspel of in de loterij, maar in den regel komt hij die +verliezen spoedig te boven; en na verloop van korten tijd zit de vuile +koelie, in een fijne tuniek gekleed, met blanke handen en een kunstig +gevlochten staart, in een winkel of kantoor, of doet hij zaken als +makelaar. Heeft hij het zoo ver gebracht, dan doet de Chinees twee +dingen, die hem aanvankelijk veel geld kosten: hij laat zich doopen +en kiest daarbij tot peter een Europeaan, wiens invloed hem voordeelig +kan zijn; en hij trouwt, meestal met een inlandsch meisje. Laten zijne +middelen hem dat toe, dan houdt hij er, behalve zijne wettige vrouw, +nog eenige anderen op na. Van nu af wordt hij steeds rijker en breidt +hij zijn werkkring voortdurend uit. Somwijlen door heimwee gedreven, +maakt hij stilletjes al zijne bezittingen te gelde en vertrekt naar +Canton, met achterlating van vrouw en kinderen; meestal echter sterft +hij op de Philippijnen, een schaar van nakomelingen--_sangleyes_, +mestiezen van Chineezen en inlandsche vrouwen--achterlatende, die +zijne schatten erven en zijne voetstappen drukken. + + +III + +Het eiland Soeloe. + + +Wij maakten ons gereed, het eiland Luçon te verlaten; maar hadden +nog de gelegenheid om vóór ons vertrek van Albay een feest bij te +wonen, waarvan het mij aangenaam is, mijne lezers getuigen te kunnen +doen zijn. De nieuwe _gobernadorcillo_, een rijke Bicol, wilde de +aanvaarding van zijn ambt inwijden met een schitterend feest, en had +daartoe een zondag uitgekozen, aan eene te Albay zeer geliefde heilige +gewijd. Sedert ruim een maand hield men zich met de toebereidselen +onledig: er zal door de jongelieden der stad een groot drama in +verzen worden vertoond, en ook aan verdere feestelijkheden zal het +niet ontbreken. Reeds des morgens vroeg worden wij gewekt door het +luiden der klokken, door muziek en het afschieten van zwermen; maar +de eigenlijke pret zou toch eerst 's avonds beginnen. + +Des avonds dan werd er eerst een prachtig vuurwerk afgestoken; en toen +veranderde de pueblo geheel van voorkomen. De nieuwe gobernadorcillo +weet, voorwaar! hoe het hoort. Alle huizen zijn geïllumineerd; op +de hoeken der voornaamste straten, op de drukste punten verrijzen +triomfbogen, paleizen, obelisken van bamboe, van onder tot boven met +lampions bedekt en eene zee van licht uitstralende; de dicht belommerde +lanen prijken met eene dubbele rij van bontgekleurde lantarens. Bij +het schijnsel dezer fantastische, tooverachtige verlichting ziet men +van alle kanten, te voet, te paard of op buffels gezeten, de lieden +uit den omtrek toestroomen, die zich haasten om bij de vertooning +van het groote en hartroerende drama tegenwoordig te zijn. + +De menigte staat dicht opeen gepakt, op een ruim veld, tegenover +het tooneel. Het theater zelf, in acht dagen opgeslagen, heeft +alleen ruimte voor de notabelen van den pueblo, die in twee loges +plaats moeten vinden. De autoriteiten zitten op het tooneel zelf, +evenals de groote heeren aan het hof van Lodewijk XIII in het hotel +van Bourgogne. Het orkest, dat wil zeggen, het trompetterskorps van +Albay, plaatst zich evenzeer op het tooneel, en blaast er dapper op +los, hoewel de muziekanten reeds sedert den vroegen morgen aan het +toeteren zijn.--De handeling, die zich voor onze oogen ontrolt, is +uiterst ingewikkeld; daarentegen is de tooneeltoestel vooral niet +minder eenvoudig dan in de dagen van Shakespeare. Naar men zegt, +werd toen aan het hof van Elisabeth de plaats van de tegenwoordige +coulissen ingenomen door een eenvoudig bordje, waarop stond vermeld +wat het tooneel moest voorstellen; en de verbeelding der toeschouwers +was levendig genoeg, om met deze aanwijzing tevreden te zijn. Hier +ontbreekt ook dit bordje: de spelers zelven helpen ons op den weg. Bij +het optreden roepen zij, bij voorbeeld: "Hoe akelig eenzaam is het +hier!"--of wel: "Ik breng sidderend Uwer Majesteit mijn groet!"--en +men zou al zeer stompzinnig of zeer onwelwillend moeten zijn, om +niet te begrijpen, dat wij ons dan in eene woestijn of wel aan het +hof bevinden. Op den achtergrond is het tooneel door een gordijn +afgesloten, en daarboven bevindt zich eene soort van estrade, +die nu eens als tribune, dan weer als troon, straks als bruidskamer +dienst doet; een ladder, die naar het dak voert, verbeeldt de bergen, +waarbij ge u verder de duistere afgronden kunt denken waarin geweldige +monsters huizen. + +Juist toen wij binnentraden was de Prinses van Constantinopel, na +allerlei lotgevallen en verwikkelingen, aan het hof van haar vader +ontvoerd door een herder, die tevens een machtig toovenaar is, en die +de prinses naar ontoegankelijke bergtoppen heeft overgebracht, waar +zij door een leeuw en een slang van bordpapier wordt bewaakt. Toen +wij ons op het tooneel nederzetten, was de vader van de prinses, door +zijn gansche hof omgeven, bezig, op bitteren toon, zijn ongeluk te +bejammeren. Hij hield even op, om den gouverneur, die met ons mede +gekomen was, te groeten, terwijl de muziek het spaansche volkslied +aanhief, door de menigte luide toegejuicht.--Na dit incident ging de +vader weer voort. De ongelukkige monarch beveelt zijn hovelingen, +de jonge prinses te gaan opzoeken. Juist toen zij gaan vertrekken, +verschijnt een gezantschap van Moros, die ook mede willen gaan om de +prinses te zoeken; men beleedigt elkander: het komt tot scheldwoorden +en uitdagingen: de gezanten en de hovelingen vechten, al dansende, +met de sabel in de vuist. De dames van het hof grijpen ook naar +sabels, en er volgt een algemeen ballet. Bij herhaling komen, in den +loop van het stuk, Moros, dames en hovelingen aldus met elkander in +aanraking, en hunne samenspraak eindigt geregeld met zulk een ballet +of _moros-moros_, waaraan zelfs al deze stukken hun naam ontleenen. + +Het valt mij niet gemakkelijk, den gang van het drama te volgen; maar +hier hebben wij het hoofdmoment, het tooneel dat pakt. De prinses +van Constantinopel heeft, ondanks al zijne listen en bedreigingen, +aan den snooden herder-toovenaar weerstand geboden; en terwijl hij +ergens elders vertoeft, zal zij, door hare deugd, die sterker is +dan al zijne bezweringen, ook wonderen doen. De prinses daalt langs +den ladder op het tooneel af, dat nu eene akelige woestijn moet +verbeelden, gevolgd door den leeuw en de slang, die niet vriendelijk +jegens haar gezind zijn; maar het bevallige jonge meisje voert zulk +een gracieusen dans uit en tikt daarbij de beide monsters met haar +staf zoo aardig op den neus, dat leeuw en slang geheel hun roeping +vergeten, de voeten der prinses komen lekken en zich tot haar slaven +verklaren. Nu verschijnt de dappere prins van Toskane, die smoorlijk +op de prinses verliefd is, en wien het eindelijk gelukt is haar spoor +te ontdekken. Het publiek, geheel betooverd, houdt den adem in, om +toch maar geen woord van de samenspraak te verliezen. De prins heeft +een groot gebrek: hij is een _moro_, dat wil zeggen een ongeloovige, +en de prinses is ijverig katholiek; zij moet dus zorgen, dat de +dappere ridder niet bespeurt, welken gunstigen indruk hij op haar +maakt en hoezeer zij zijn heldenmoed bewondert. De prins houdt aan; +hij werpt zich op de knieën en smeekt om de gunst der prinses. Deze is +half overwonnen. "Misschien," zegt zij, "zou ik naar uwe verleidelijke +woorden luisteren; maar zoo lang gij geen afstand hebt gedaan van uw +vervloekt ongeloof, hebt gij van mij geene liefde te hopen!" + +Het publiek kan zijn geestdrift niet langer bedwingen, maar uit +zijne bewondering en ingenomenheid door op de maat te fluiten. + +Het stuk eindigt met de bekeering van den prins van Toskane en zijn +huwelijk met de prinses.--Het is middernacht, en deze eerste feestdag +zal, als naar gewoonte, besloten worden met eene _catapusan_, +een woord, dat in het dialekt der Bicols, zoowel slot als bal +beteekent. Maar heden avond zullen er minstens een half dozijn bals +gegeven worden bij den gobernadorcillo en de voornaamste _cabezas_ +van den pueblo. Dans en spel zullen tot laat in den nacht voortduren; +vooral het noodlottig spel, dat zoo vaak tot ongeregeldheden en +ongelukken aanleiding geeft, en dat dan ook de eenige keerzijde is +van dit recht prettige feest, waaraan de gansche bevolking met de +grootste opgewondenheid deel nam, en waarbij toch niets voorviel, +dat de tusschenkomst der overheid noodig maakte. + +Den zes-en-twintigsten October waren wij weder te Manilla. Den +vijfden November gingen wij aan boord van de _Pasig_, die ons naar +het zuiden moet brengen. Wij hadden op deze vaart met ruw weer +en tegenwind te worstelen, waardoor onze reis niet onbelangrijke +vertraging ondervond. Eerst den vijftienden November, des avonds +ten zes uren, worpen wij het anker uit op de reede van de kleine, +eerst voor korten tijd gestichte spaansche stad op de noordwestkust +van het eiland Soeloe. + + + + + +Soeloe, als centrum van den handel van belang, heeft niet minder +beteekenis uit een politiek en vooral uit een godsdienstig oogpunt: +men zou het in zekeren zin het Mekka van het uiterste Oosten kunnen +noemen. Het sultanaat van Soeloe is een der oudste mohammedaansche +staten in het noordelijk gedeelte van den Maleischen archipel; +ondanks veelvuldigen strijd, gevaren van allerlei aard en vaak +dreigenden ondergang, heeft dit rijk zich tot heden weten staande te +houden. De staatsinrichting is tegenwoordig nog dezelfde als vroeger; +het eigenlijke gezag is in handen eener oligarchie van _dalos_ +(feodale baronnen), boven wie de sultan staat, wiens macht over de +vasallen, naar omstandigheden, meer of minder groot is. De eilanders +leggen zich op handel, maar vooral niet minder op zeerooverij toe: +welk laatste bedrijf hen herhaaldelijk in botsing bracht hetzij +met de Spanjaarden, hetzij met de Hollanders. Zeeroovers in merg +en been, bezochten deze eilanders telkens en telkens de kusten der +Bisayas-eilanden, verwoestten de pueblos en voerden de inlanders als +slaven weg. Nog niet lang geleden, had professor Semper, die zich +in het noordoosten van Mindanao bevond, het slechts aan een gelukkig +toeval te danken, dat hij niet door de zeeroovers werd opgelicht. + +Herhaalde malen had Spanje expedities naar Soeloe gezonden; bijna +altijd keerden zij terug, na een aantal gevangenen te hebben bevrijd, +den vijand verslagen en den sultan gedwongen, een traktaat van +vrede en vriendschap te onderteekenen. Als hunne dorpen in brand +waren gestoken en hunne prauwen vernield, waren de datos, onder de +bedreiging der spaansche kanonnen, steeds gereed aan de eischen van +den overwinnaar toe te geven en onder eede alles te beloven wat van +hen gevraagd werd. Maar traktaten, beloften en eeden werden aanstonds +weer geschonden, zoodra het gevaar geweken was. In deze met klippen en +riffen bezaaide zeeën, waarvan nog geene goede kaarten bestaan, en waar +de europeesche kruisers in hunne bewegingen belemmerd worden door de +regelmatige passaatwinden, hebben de lichte prauwen, die zich zoowel +van zeilen als van roeiriemen bedienen, een groot voordeel. Zoodra de +Spanjaarden vertrokken waren, begon de zeerooverij op nieuw, met al den +ijver van eene industrie, die geleden verliezen moet trachten in te +halen. De sultans schenen, reeds sedert eenigen tijd, de meerderheid +van Spanje te gevoelen en te beseffen aan welke gevaren dit handhaven +van den zeeroof hen en het land blootstelde. Vermoedelijk zouden zij, +hadde het in hun macht gestaan, de bezworen traktaten getrouwer zijn +nagekomen: maar het stond juist niet in hunne macht. Hun gezag strekte +niet veel verder, dan de heffing van een derde van den buit door +hunne onderdanen behaald, eene schatting, waaraan allen zich zonder +tegenspraak onderwierpen; het was hun evenwel onmogelijk, de talrijke +schaar van datos op de honderd-vijftig eilanden en eilandjes, tot het +sultanaat behoorende, behoorlijk in bedwang te houden; bovendien rustte +het gezag van den sultan in de eerste plaats op de godsdienst, en het +voegde hem, als hoofd van een mohammedaanschen staat, al zeer slecht, +de rol op zich te nemen van beschermer der katholieke bevolking van +de Philippijnen. Deze geduchte alleenheerschers moesten metterdaad +buigen voor den wil van hunne vasallen; zij waren wel genoodzaakt, +de voortdurende geweldenarijen en plundertochten van de oppermachtige +datos door de vingers te zien, al konden zij zich ook niet ontveinzen, +welke daarvan in het eind de noodlottige gevolgen moesten zijn. + +Den negen-en-twintigsten Februari 1876 verscheen het spaansche leger, +dat zeven dagen te voren bij Paticolo was ontscheept, voor de wallen +van Tianggi. Het eskader lag op de reede. Des avonds wapperde de +spaansche vlag op de veroverde bolwerken, en werd de stad, door haar +verdedigers verlaten, aan de vlammen prijs gegeven. + +Van deze oude stad, die door het bombardement werd vernield, is +tegenwoordig geen spoor meer over. De spaansche genie-officieren +hebben de heuvelen achter de oude stad gedeeltelijk afgegraven, +daarmede de moerassen en poelen gedempt, en door aanplemping van een +gedeelte der zee een terrein gewonnen, waarop zich aan den voet van +boschrijke bergen ter hoogte van zeven- tot achthonderd el, de nieuwe +stad verheft, die nog wel klein is, maar toch neiging toont om zich +uit te breiden. + +Al deze werken van de genie werden door inlandsche veroordeelden +uitgevoerd, die tot drie kategoriën behooren: de veroordeelde +militairen, die strafkompagnieën vormen en militaire dienst verrichten, +terwijl zij tevens gebruikt worden voor verschillende werken; de +_deportados_, die krachtens maatregelen van het administratief gezag +hunne vrijheid verloren hebben; en de _presidiarios_, de eigenlijke +galeiboeven of kettinggangers. + +Het garnizoen is ongeveer vijfhonderd man sterk en bestaat uit +inlandsche genie- en infanteriesoldaten; de officieren zijn bijna +zonder uitzondering Spanjaarden. + +Toen wij te Soeloe aan land stapten, was het gansch niet gemakkelijk, +in de nog zoo jeugdige stad, die nog in de eerste periode harer +ontwikkeling verkeerde, een onderkomen te vinden. Eindelijk gelukte +dit toch, dank zij de welwillende tusschenkomst van den kolonel don +Lopez Ventura Nuño, waarnemend gouverneur, en de eerwaarde paters +Frederico Vila en Juan Carreras, aalmoezeniers van het garnizoen. De +half bebouwde straten zijn buitengewoon druk en levendig; de winkels +van de chineesche kooplui zijn opgevuld met nieuwsgierigen, die komen +hooren of er ook tijdingen zijn; en bij elken voetstap ontmoet men +schildwachten met geladen geweren. + +Men verwacht de _juramentados_. + +De sultan van Soeloe heeft het spaansche protektoraat erkend; +misschien geeft hij wel aan het rustige en gemakkelijke leven, dat +hij thans geniet, de voorkeur boven eene souvereiniteit, die niet +veel meer dan in naam bestond en hem telkens werd betwist. Maar de +datos, die daardoor vrij wat meer in hunne belangen worden gekrenkt, +kunnen bezwaarlijk vrede hebben met een gezag, dat een einde maakte +aan de zeerooverij en hen daardoor van een zeer voornaam deel hunner +inkomsten beroofde. Hunne ontevredenheid en hun verzet vindt een +machtigen steun bij de _panditas_, (mohammedaansche priesters), +die natuurlijk de verklaarde vijanden zijn van Spanje en van de +katholieke missionarissen. De datos kunnen dus niet besluiten, zich +aan het spaansche oppergezag te onderwerpen, en zij ontzien geen +middel om daartegen in verzet te komen. Zij kunnen daarbij rekenen op +hunne onderhoorigen, onrustig en krijgshaftig van aard, en daarbij van +alle tijden gewoon, onvoorwaardelijk aan de bevelen hunner hoofden te +gehoorzamen. De oude wetten van Soeloe begunstigen daarenboven zeer de +aanwerving van mannen, die tot alles bereid zijn. Volgens de wet toch +behoort de schuldenaar, die niet aan zijne verplichtingen voldoen +kan, met zijne geheele familie, als slaaf aan den schuldeischer; +en de zorgelooze onnadenkendheid van deze Maleiers is zoo groot, +dat het niet veel moeite kost, hen schulden te laten aangaan, die +zij nimmer zullen kunnen afbetalen. De ongelukkige schuldenaar is +nu zijne vrijheid kwijt; zijne familie kan, zoo de meester dat wil, +wijd en zijd verstrooid worden. Dikwijls wordt hem dan de gelegenheid +geboden, om zijne familie los te koopen, door, met opoffering meestal +van zijn eigen leven, zoo veel Christenen te dooden als hij kan. De +schuldenaar neemt dat aanbod aan; hij verbindt zich bij plechtigen eed, +en wordt nu _sabil_ of _juramentado_. + +De juramentados weten zeer goed, dat ook als het hun gelukt, bij +verrassing in de spaansche stad door te dringen, alle kans op een +veiligen terugtocht voor hen verloren is. Er bevinden zich altijd op +de reede eenige adviesjachten en kanonneerbooten; en op het eerste +sein, begeeft zich de bemanning naar den wal. Aan de landzijde wordt +de toegang verdedigd door een toren en twee forten, die eene hooge +en stevige palissade bestrijken, waarvan de zeer weinige poorten +zorgvuldig worden bewaakt; bovendien zijn nog langs de palissade, +op twintig schreden afstands van elkander, groote schilderhuizen +geplaatst, waarin vier soldaten met geladen geweren de wacht houden. + +Iedere juramentado, die den aanval waagt, gaat dus een wissen dood +te gemoet; en misschien is er meer dan een onder hen, die over zijne +onvoorzichtige belofte spijt gevoelt en zich gaarne zou terugtrekken, +maar men heeft dit geval voorzien en zijne maatregelen genomen. Zoodra +men een zeker aantal van deze ongelukkigen bij elkaar heeft, worden +zij aan de leiding toevertrouwd van ervaren panditas, die hen op +geregelde tijden laten vasten, met hen strooptochten door de bosschen +ondernemen en ter bedevaart trekken naar de graven der gesneuvelde +juramentados, om daar te bidden. De aldus gewekte geestdrift wordt nog +meer aangevuurd door lange predikatiën bij het betooverend maanlicht, +en hartstochtelijke, wegsleepende schilderingen van de genietingen +van het mohammedaansche paradijs. Is dan ten slotte de vereischte +graad van opwinding en razernij verkregen, dan wordt tot den aanval +op de spaansche stad besloten. + +Zulk een komplot, waarbij zoo veler belangen betrokken zijn en dat +zoo lange voorbereiding vordert, kan onmogelijk geheim blijven: de +geldzucht, somwijlen nog machtiger dan het fanatisme, ontboeit steeds +veler tong. De gouverneur van Soeloe is bijna altijd gewaarschuwd +voor het dreigende gevaar; alleen kan men hem niet met juistheid +zeggen, wanneer de aanval zal plaats hebben, want dat weten de +juramentados zelven niet. Toen wij te Soeloe kwamen, werd juist zulk +een aanval verwacht. Een mijner buren, een dappere kapitein, die reeds +herhaaldelijk met de juramentados in aanraking was geweest, deelde +mij dit een en ander mede, en voegde er de waarschuwing bij, dat wij +op onze hoede moesten zijn. "Ga niet op straat zonder een revolver, +zeide hij tot mij; en waag u vooral niet buiten de palissade." + +Inmiddels gingen er eenige dagen voorbij, zonder dat er iets gebeurde, +en reeds begon ik te gelooven dat men zich zonder reden ongerust +had gemaakt. Maar in den morgen van den drie-en-twintigsten November, +toen ik mij op de markt bevond, hoorde ik eenige geweerschoten, gevolgd +door verwarde kreten; toen werd het weer stil. In een oogenblik was de +markt geheel ledig; ik stond alleen op het verlaten plein, op korten +afstand van twee schildwachten, die hun geweer laadden. Op het eigen +oogenblik snelt eene vrouw aan, gevolgd door een onbeschrijfelijk +smerigen inlander, wiens gelaat bijna vaal groen is, en die een +kris in de hand houdt, druipende van bloed. De vrouw schreeuwt: _los +juramentados!_ en loopt mij in dolle vaart omver; twee geweerschoten +knallen boven mijn hoofd; ik richt mij op en zie den juramentado, +in de borst getroffen, vallen, maar aanstonds weer opstaan en met +opgeheven kris op de schildwachten losstormen; de eene soldaat stoot +hem zijne bajonet in de borst; nog wendt hij wanhopige pogingen +aan om zijn vijand te treffen, tot eindelijk de andere soldaat den +razende neerschiet. + +Van alle kanten knallen geweerschoten; in de voornaamste straat zie +ik eenige mannen in een grooten bloedplas liggen; midden op den +weg gaan drie juramentados, met opgeheven kris en onverschrokken +doodsverachting, een peloton soldaten te gemoet. De geweren worden +aangelegd; en als de rook wegtrekt, liggen daar de drie juramentados +naast elkander voorover op den grond. Eindelijk zijn wij van onze +aanvallers verlost. + +Ik wist wat mij als geneesheer te doen stond. Wij spoeden ons naar +het hospitaal, en ontmoeten onderweg den gouverneur, den dapperen +kolonel don Ventura Lopez Nuño, kalm en ernstig, hoewel zijn donkere +oogen flikkeren van toorn. In het hospitaal vinden wij werk genoeg. De +juramentados hebben, aan dooden en gewonden, vijftien slachtoffers +gemaakt. En welke wonden! Hier is een lijk, waarvan het hoofd is +afgehouwen; dat daar is bijna in twee stukken gekloofd. De eerste +gewonde, dien ik in behandeling neem, is een soldaat van het derde +regiment, die de wacht had bij de poort, waardoor de aanvallers zijn +binnengedrongen. Zijn linkerarm is op drie plaatsen gebroken; zijn +schouder en borst zijn letterlijk gekerfd. Terwijl ik hem verbind, +verhaalt hij mij hoe de aanval begon. De aan de schildwachten gegeven +bevelen werden nauwkeurig opgevolgd. Ieder Soeloenees, man of vrouw, +die de poort wilde doorgaan, werd onderzocht en aangehouden, wanneer +men eenig wapen bij hem vond. De juramentados, ten getale van elf, +hadden zich in drie groepen verdeeld, die elkander op weinige +schreden afstands volgden; zij droegen bossen rijst en _cañas_ +(uitgeholde stukken bamboe om water mede te putten), waarin zij hunne +wapens verborgen hadden. Twee hunner kwamen eerst aan de poort; +op het oogenblik toen de schildwachten zich bukten om de cañas te +onderzoeken, trokken al de juramentados te gelijk hunne krissen: een +der schildwachten werd dadelijk overhoop gestoken; zijn kameraad, hoe +ook gewond, heeft nog de noodige kracht om zijn geweer af te schieten; +hij doodt een der aanvallers, maar de anderen stormen over hem heen, en +verspreiden zich in de stad, die geen hunner meer levend zou verlaten. + +Den volgenden dag was men weer van den schrik bekomen. Te Soeloe is +men aan dergelijke verrassingen tamelijk gewend; en bovendien kan +men er nu zeker van zijn, dat vooreerst de aanval niet zal worden +herhaald. Wij kunnen dus onze onderzoekingen hervatten, en doen +telkens grootere uitstapjes in het binnenland en langs de kust. + +Overal vind ik sporen van den oorlog: verwoeste woningen, plantages en +tuinen, die weer tot een wildernis waren geworden. Somwijlen wierpen +enkele inlanders, voormalige zeeroovers, nu gedwongen den grond te +bebouwen, mij alles behalve vriendelijke blikken toe. Maar ik was +op mijne hoede en altijd goed gewapend.--Op zekeren dag, vermoeid +van mijn vruchteloos zoeken naar kruiden en van de gloeiende hitte, +zet ik mij neder in de schaduw van een reusachtigen mangoustan, +op de grens van eene plantage. Twee inlanders zijn op hun uiterste +gemak bezig met het omspitten van den grond; ik roep hen, laat hun +een handvol klein geld zien, en noodig hen uit, voor mij een of ander +insekt of kruipend gedierte op te zoeken. Zij kijken mij met een half +verachtelijken glimlach aan; daarop vat een hunner mij bij de hand, +legt den vinger op den mond, en brengt mij bij een koffiestruik. Goed +ziende bespeur ik eene prachtige lansslang (_Tropidoloemus Hombroni_), +haar groene kleur maakt haar bijna onzichtbaar tusschen het gebladerte, +maar haar oogen vonkelen als robijnen. + +"Pak haar aan", zeg ik tot den Soeloenees, die in plaats daarvan +achteruit springt. Er is geen tijd te verliezen: met mijn stok werp ik +de slang op den grond en daarna weer vijftien voet hoog in de lucht; +als zij weer op den grond valt, zet ik, eer het verblufte dier tot zich +zelf is gekomen, mijn stok op haar nek en houd dien met mijn voet vast, +zoodat de slang haar kop niet bewegen kan. Het valt nu gemakkelijk +haar met een touwtje aan een stok vast te binden, waarna zij levend +op sterk water zal worden gezet: alleen op die wijze behoudt zij ook +na den dood haar fraaie kleuren. + +Blijkbaar heb ik door deze vangst de achting van den Soeloenees +gewonnen. Hij brengt mij naar zijne hut, die ruim en zeer goed +onderhouden is; hij is een der weinige grondbezitters, die, hoewel +niet tot de kaste der datos behoorende, toch niet door den oorlog +en de onderdrukking der zeerooverij te gronde is gericht. Ik vind +in zijne woning eene gansche kolonie: oude lieden, zuigelingen, +een aantal slaven van allerlei leeftijd, benevens eene menigte +vrouwen. Al deze lieden zijn meer dan half naakt. Op Soeloe, zooals +trouwens in alle mohammedaansche landen van den archipel, wordt met de +voorschriften van den Koran zeer vrij omgesprongen; het klimaat maakt +hier bovendien het dragen van dichte sluiers, die het gelaat omhullen, +onmogelijk. Als in de spaansche stad mohammedaansche vrouwen een +Europeaan ontmoeten, maken zij eene beweging als wilden zij met haar +sjerp het gelaat bedekken; maar in de hutten blijft ook die beweging +achterwege, en wordt bijna alle kleeding afgelegd.--Mijn gastheer +stelt mij zijn gezin voor, en laat mij zijne woning bewonderen. Zijne +hut vormt eigenlijk slechts een groot vertrek, dat door een soort +van beschot in twee ongelijke helften is verdeeld; kleine koffers, +waarin elke Soeloenees zijne fortuin bewaart, wijzen de plaats aan, +waar ieder zich des nachts te rusten legt. Het meubilair bestaat verder +uit eenige gongs, eenige vazen en potten van chineesch porcelein, +een aantal lansen en krissen van allerlei vorm, en een oud verroest +vuursteengeweer, dat zeker voor niemand gevaarlijker zou zijn dan +voor hem, die het zou willen gebruiken. + +Er worden vruchten gehaald; zoowel mannen als vrouwen schijnen +bijzonderen smaak te hebben in de kokosmelk, sterk vermengd met rhum, +dien ik in eene flesch bij mij droeg. De huisheer vooral was blijkbaar +op dien drank verzot, en ontzag zich niet, mijn voorraad duchtig +aan te spreken. Het gesprek wordt levendig en algemeen; op den grond +neergehurkt of op eene ruime estrade van bamboe neergevlijd, nemen +meesters en slaven daaraan gelijkelijk deel. Trouwens tusschen hen +heerscht eene groote mate van gemeenzaamheid. Men moet billijk zijn, +zelfs tegenover zeeroovers: noch de Soeloeneezen, noch de andere +mohammedaansche Maleiers van de Philippijnen, noch zelfs de wilde +rassen op de eilanden van den archipel, hebben ooit hunne slaven zoo +stelselmatig geëxploiteerd of met zoo verfijnde wreedheid behandeld, +als bij voorbeeld de christelijke Yankees. Over het algemeen worden de +slaven op Soeloe behoorlijk gevoed, en behoeven zij geen al te zwaren +arbeid te verrichten, althans wanneer zij niet gebruikt worden voor +de parelvisscherij; straffen zijn zeldzaam en missen die wreedheid, +die men anders bij deze volksstammen zoo dikwerf aantreft. Doorgaans +is het den slaaf, na eenigen tijd, vergund te huwen en een gezin te +grondvesten.--Maar wee het gezin van den vrijen Soeloenees, die door +zijne schulden tot slavernij vervalt; wee de gezinnen van zijne slaven; +wee het gezin van den voortvluchtigen slaaf! In al deze gevallen is +de wet onverbiddelijk: de vrouwen en kinderen, welke ook hun leeftijd +moge zijn, worden door den schuldeischer of den beleedigden meester +verkocht, en het gezin reddeloos vernietigd. Daarom aarzelen zoo +vele christelijke gevangenen van de Philippijnen om te vluchten en +bescherming te zoeken bij de Spanjaarden, wier vlag zich overal in +de wateren van Soeloe vertoont. + + + + + +Wij mochten niet verzuimen, een bezoek af te leggen bij den +sultan. Mohammed Yamaloel Alam heeft thans zijne residentie gevestigd +te Maïbun, een groot dorp aan de zuidkust van het eiland. Ik heb hem +een brief in de maleische taal geschreven; maar de dagen verloopen, +en ik krijg geen antwoord. + +Een duitsch planter, de heer Schuck, die zeer met den sultan bevriend +is, biedt zich aan, om mij aan den vorst voor te stellen. Reeds voor +de bezetting van het eiland door de Spanjaarden, was de heer Schuck +dikwijls in betrekking geweest met de Soeloeneezen; het is dan ook +algemeen bekend dat hij geen _Castila_ (Spanjaard) is, hetgeen voor +zijne veiligheid en voor het welslagen zijner landbouwonderneming van +groot gewicht is. Hij is volkomen bereid nu te onzen gunste gebruik +te maken van zijn invloed en zijn gezag bij de Soeloeneezen, en heeft +zich daardoor alleszins aanspraak op onzen dank verworven. + +Er was overeengekomen dat wij den heer Schuck zouden afhalen, om +dan met hem naar Maïbun te gaan. Toen wij bij zijne woning kwamen, +herkenden wij die niet meer: zij was geheel veranderd. De galerijen +en trappen, die naar de veranda voerden, zijn verdwenen; de woning +is omringd door eene stevige heining van palen en rotang. Den +vorigen nacht had eene bende stroopers onverwacht een aanval op +de hacienda gedaan; de heer Schuck, door het gerucht ontwaakt, +had een der aanvallers, die reeds in zijne kamer was doorgedrongen, +overhoop gestoken, en vervolgens in allerijl de deuren en vensters +gebarrikadeerd. De woning werd nu formeel belegerd; men wierp brandende +pijlen op het dak van nipa; maar door eene hevige onweersbui, van +stortregen vergezeld, was dit dak gelukkig zoo nat geworden dat het +geen vuur vatte. De heer Schuck schoot op goed geluk, bij het licht +der bliksemstralen. Eindelijk, bij het aanbreken van den dag, trokken +de aanvallers af, drie dooden en een gewonde achterlatende. Over het +lot van dezen laatste zal de sultan uitspraak doen. + +De weg, die het eiland van het noorden naar het zuiden, van de +spaansche nederzetting tot Maïbun, doorsnijdt, biedt nergens ernstige +moeilijkheden aan; men bemerkt zelfs duidelijk, dat hij voor den +oorlog, toen er op het eiland slaven in overvloed waren, zeer goed +moet zijn geweest; tegenwoordig moet men de beken doorwaden, want de +boomstammen, die weleer als bruggen dienden, zijn vergaan. De weg +loopt eerst door een woud, tusschen de bergen But-Dato en But-Tulah +aan de eene, en den Tuman-Tangis aan de andere zijde; dan loopt de +weg met kleine krommingen langs de flauw glooiende berghellingen, +die naar het zuiden afdalen. Op dien geheelen tocht ziet men niets dan +eenige verwoeste en verlaten hutten, in de schaduw van kokospalmen en +mangoustans, waarin groote troepen apen springen en dartelen. Eerst +in de onmiddellijke nabijheid van Maïbun vindt men eenige ellendige +hutten, die bewoond zijn. + +Na opnieuw eene beek te hebben doorwaad, komen wij in een groot +weiland, waar wij met geregelde tusschenpoozen geweerschoten hooren +knallen. Wij bevinden ons op het schietterrein van den sultan, die +steeds zijn namiddagen doorbrengt met het kijken naar schijfschieten; +het paleis, een uitgestrekt, maar uiterst landelijk gebouw, van bamboe +en riet opgetrokken, verrijst tegenover ons; ter linkerhand wordt het +weiland begrensd door eene diepe beek; aan de overzijde van die beek +ligt het dorp Maïbun, dat zich tot aan de zee uitstrekt. Wij stijgen +van onze paarden en begeven ons naar Mohammed Yamaloel Alam. De sultan, +door zijne hovelingen omringd, zit in een prachtigen leuningstoel, +onder eene vrij armzalige kiosk van nipa. Naast hem staat zijn zoon, +Brahamuddin, die er verstandig en slim uitziet. De sultan en de prins +zijn beiden op het rijkst uitgedost in prachtgewaden van chineesch +satijn; hunne krissen en ringen schitteren van edelgesteenten. De +heeren van het hof zijn veel eenvoudiger gekleed; maar hunne krissen, +waarvan de fijn geciseleerde greep met paarlen, diamanten en robijnen +is versierd, zijn niet minder prachtig. Deze heeren zagen ons met niet +zeer vriendelijke blikken aan; de sultan bewaart eene kalme waardigheid +en beantwoordt welwillend onzen groet; op zijn bevel worden stoelen +voor ons gebracht; wij zetten ons neder en de hovelingen gaan voort +met schieten. + +De sultan zelf schiet nooit: hij beoordeelt alleen het schot der +anderen. Men gebruikt oude geweren, van Borneo afkomstig, zeer rijk +versierd en vreeselijk zwaar, en die bovendien in niet al te besten +staat verkeeren. Twee slaven laden de geweren en leggen die vervolgens +op een soort van vorken, die in den grond gestoken worden. Ik knoop een +gesprek aan met den sultan, die zeer goed maleisch spreekt, en zich in +die taal met gemak en sierlijkheid uitdrukt. Hij verontschuldigt zich, +dat hij wegens ongesteldheid niet op mijnen brief heeft geantwoord; +de ware reden is, dat hij dien brief niet heeft kunnen lezen, want +ik had, volgens maleisch gebruik, zonder accenten geschreven: de +arabische letters, waarvan de Soeloeneezen zich bedienen, vereischen +echter noodwendig accenten, die de Maleiers nooit gebruiken. + +De avond valt, en de sultan keert naar het paleis terug, waarheen +hij ons uitnoodigt hem te volgen. + +De buitengewoon groote hut, die den weidschen naam van paleis +draagt, rust, als alle woningen op deze eilanden, op palen, waaraan +buffels en paarden zijn vastgebonden, die in een stinkenden mestpoel +staan. Men klimt langs een ladder naar het paleis; gaat dan een soort +van vestibule door, en treedt vervolgens de audiëntiezaal binnen, +die de geheele lengte en de halve breedte van het gebouw inneemt. Ter +linkerzijde wordt deze zaal van den harem gescheiden door gordijnen en +eene breede estrade van bamboe; rechts loopt langs den wand eene bank, +waarvoor de slaven neerhurken en ook alle Soeloeneezen, die wenschen +binnen te treden: want op dit uur staat het paleis voor ieder open, +en kan ieder, slaven zoowel als vrijen, voor den sultan verschijnen +en hem zijne belangen voordragen. + +De plankenvloer is doorzichtig; het ameublement schittert door zijne +afwezigheid; langs de wanden hangen eenige gongs; ettelijke bougies, +op glazen kandelaars geplaatst, verspreiden een vrij voldoend licht. Op +den achtergrond, onder een troonhemel van veelkleurig katoen, staat +de troon, of liever bevindt zich de estrade, waarop de sultan plaats +neemt; hij zit op turksche wijze en leunt tegen prachtig geborduurde +kussens. De vermoedelijke troonopvolger zet zich nevens hem; een weinig +meer achterwaarts zit een _hadji,_ een pandita uit Afghanistan, die, +na velerlei lotgevallen, eindelijk aan het hof van Soeloe is terecht +gekomen; hij is de vertrouwde raadsman van den sultan. De datos staan +in de nabijheid van den troon, de rechterhand geleund op den greep +van hun kris. + +Men brengt voor ons leuningstoelen en eene tafel; men presenteert ons +eerst zeer slechte chocolade, en kort daarna verschillende gerechten +met fijne, maar brandend heete sausen en specerijen toebereid. + +De etiquette van het hof is niet zeer streng. Iedereen, de sultan +daaronder begrepen, rookt of kauwt betel; de bedienden, de vrouwen +loopen heen en weer, en buigen zich over ons heen om ons te zien +eten. Maar, wanneer men tot den sultan het woord richt, geschiedt +dat toch op een toon van diepen eerbied; wie hem het een of ander +aanbiedt, doet dat steeds met beide handen en in gebogen houding, +als bracht men een offer. + +Toen onze maaltijd was afgeloopen, schorste de sultan de behandeling +van staatszaken en knoopte een gesprek met ons aan. Hij is bereid, +zich te laten photografeeren; er wordt bepaald, dat wij met dat +doel over eenige dagen zullen terugkomen, en dat wij dan in een +der huizen van den sultan te Maïbun zullen logeeren; op ons verzoek +om ons een escorte te geven naar het meer van Panamaut, dat uit een +zoölogisch oogpunt zeer merkwaardig moet zijn, volgt eene beleefde, +maar stellige weigering. De sultan is beducht voor alles wat zijne +rust zou kunnen verstoren. Hij geeft vrij duidelijk te kennen, dat +hij ons gaarne overal in zijne staten zou laten rondtrekken; maar dat +hij onmogelijk voor onze veiligheid kan instaan, tenzij hij ons een +leger als escorte medegaf. Hij wenscht zich niet bloot te stellen +aan de onaangename gevolgen, die het voor hem zou kunnen hebben, +indien ons een ongeluk overkwam.--Wij blijven, te midden van den +sigarendamp, lang met den sultan praten, die ons allerlei inlichtingen +vraagt omtrent den toestand en de wederzijdsche machtsverhoudingen +van de verschillende europeesche staten, met name van Spanje. Hij +heeft een eigen stoomboot, die geregeld tusschen Maïbun, Laboean en +Singapore vaart; maar toch schijnt hij niet op de gedachte te komen, +om zich engelsche en spaansche dagbladen te verschaffen, die hij +toch gemakkelijk zou kunnen laten vertalen, hetzij door personen aan +boord van zijne boot, hetzij door weggeloopen inlandsche soldaten +of kettinggangers, die hij in het geheim aan zijn hof ontvangt. + +De sultan maakt dus zeer gaarne van de vrij zeldzame gelegenheid +gebruik, om europeesche reizigers te ondervragen. Zijne vragen getuigen +overigens van nadenken en verstand. Hij tracht zich op de hoogte te +stellen van de militaire hulpmiddelen, vooral van de zeemacht van +iederen staat, en verzoekt mij telkens de cijfers te herhalen van de +manschappen, schepen en kanonnen, die hij maar niet schijnt te kunnen +onthouden. Verder vroeg hij naar allerlei bijzonderheden omtrent de +reis van den Shah van Perzië naar Europa, waarin hij zeer veel belang +scheen te stellen. Om deze vragen van den sultan niet onbeantwoord te +laten, moest ik de toevlucht nemen tot mijne fantazie, ten einde aan +te vullen wat mij aan juiste wetenschap ontbrak. Weer kwam toen het +gesprek op de legers en vloten der europeesche staten, en ten slotte +ook op de regeeringsvormen: ik beproefde evenwel geene poging om den +sultan eenig begrip te geven van de tegenwoordige staatsinrichting +van Frankrijk. + +Dit gesprek duurde zeer lang: Rey en ik konden bijna de oogen niet +meer openhouden. De sultan bespeurde het, en noodigde ons uit, te gaan +slapen, terwijl hij nog voortging met audiëntie te verleenen. Wij +haastten ons aan die uitnoodiging gevolg te geven, en strekten +ons uit op eene met matten belegde estrade tusschen den troon en +den harem. Weldra sliepen wij in, ondanks het aanhoudend gepraat; +maar in den loop van den nacht werden wij zeker tienmaal gewekt door +eene slavin, die, op haar teenen loopende, op een boven onze hoofden +hangenden gong kwam slaan. Zoodra zij dit gedaan had, trok zij zich +haastig in den harem terug; bij het oplichten van het gordijn, zagen +wij, bij het wemelend licht van eenige walmende lampen een aantal +vrouwen en kinderen, te midden van een verwarden rommel van kistjes, +koffers en kussens. + +In gezelschap van onzen vriendelijken gids brengen wij ook een bezoek +aan het dorp Maïbun, waarvan de op palen gebouwde hutten zoowel uit- +als inwendig zich onderscheiden door verregaande onreinheid. Midden in +zee, op hooge palen rustende, verheffen zich de ruime magazijnen van de +chineesche kooplieden, die den geheelen in- en uitvoerhandel van Maïbun +in handen hebben. Deze handel is belangrijk: de uitvoer beslaat uit +pareloesters (_montiara_, _tipay_), die wel zelden parelen bevatten, +maar waarvan de schelpen het zeer gewaardeerde parelmoer opleveren; +voorts uit gutta-pertsja en verschillende soorten van hars, _trepang_, +koffie en andere gewassen. Het voornaamste invoerartikel is gekleurd +katoen, dat door de duitsche huizen te Singapore wordt geleverd. De +duitsche fabrikanten weten de door de Maleiers meest geliefde kleuren +en patronen vrij goed na te bootsen; de inlandsche stoffen, die met +groote zorg uit de hand bewerkt worden, winnen het natuurlijk zeer +verre in kwaliteit; maar de geringe prijs van het fabriekwerk maakt +dat dit, jammer en schande genoeg! overal aftrek vindt. De Chineezen +te Maïbun voeren ook wapenen, ammunitie, krissen en staal in. Ook +wordt er een levendige handel in slaven gedreven. + +Terwijl onze gids zijne zaken afdoet met een chineesch koopman, is +de vrouw van den koopman, eene Maleische van het zuiverste ras, +bezig met het borduren van een prachtigen tulband: het werk is +een waar kunststuk, maar vordert zeer langzaam. Zoowat om de vijf +minuten roept de borduurster eene slavin, die haar eene aangestoken +cigarette brengt en een klein kind, dat zij telkens de borst geeft. Is +de cigarette uitgerookt, dan neemt zij de naald weer ter hand, steeds +betel kauwende. De slavin rookt en pruimt afwisselend. Dit is de gewone +manier van leven der soeloeneesche vrouwen van den gegoeden stand. + +In het paleis teruggekeerd, worden wij door den sultan ontvangen, +die ons tegen den volgenden maandag ontbiedt voor het maken van +zijn portret, en die den gevangene van den heer Schuck ter dood +veroordeelt. Wij stijgen te paard en keeren naar Tianggi, zoo als de +eilanders de spaansche stad noemen, terug. + +Ik weet niet wat er van den ongelukkigen veroordeelde is geworden; +heeft hij de doodstraf moeten ondergaan, dan is het voor hem toch +maar beter geweest dat hij niet te Maïbun is terecht gesteld. De +strafbepalingen van den Korân worden hier zelden toegepast, maar de +strafwet van Soeloe is vooral niet minder streng: eigenlijk kent zij +maar ééne straf, de doodstraf. En hoe wordt die voltrokken? Nu eens +dient de veroordeelde, aan een paal vastgebonden, tot schietschijf +voor de hovelingen; dan weer beproeft een dato zijn revolver op +hem; een ander maal wordt hij aan een boom gebonden, en heeft ieder +Soeloenees het recht, hem met zijn kris een steek toe te brengen, +zoodat de rampzalige letterlijk gekorven wordt. + +Een paar dagen later vertrokken de heer Rey en ik op nieuw naar Maïbun, +om het portret van den sultan te maken. Wij bevonden dat daar inderdaad +eene vrij groote hut tot onze beschikking was gesteld; deze hut was +nieuw en dus tamelijk zindelijk, maar zij bevatte hoegenaamd niets +dan een ledigen ketel, benevens een ouden slaaf die ons bedienen +moest. Maar wij hebben levensmiddelen medegebracht; wij maken onzen +maaltijd gereed en strekken ons op den planken vloer uit om te slapen. + +Den volgenden morgen ontvingen wij het bezoek van een dato, een +aanzienlijk heer, die ons uit naam van den sultan kwam begroeten. Op +zijne onbeschaamde vraag, of wij ook nog iets noodig hadden, +gaven wij maar geen antwoord, ten einde geene onaangenaamheden uit +te lokken.--Wij begeven ons naar het paleis, waar de sultan ons +vriendelijk ontvangt. Echter is hij blijkbaar niet op zijn gemak; +vermoedelijk heeft men hem allerlei dingen wijsgemaakt ten aanzien +van zijn portret. Zijne omgeving slaat ons met onverholen achterdocht +gade, ongeveer op de manier van een hond, die een verdacht bezoeker bij +zijn meester aantreft. Echter verzoekt Mohammed ons, den volgenden dag +terug te komen; in den morgen zullen wij onzen toestel gereed maken, +en 's namiddags het portret van Zijne Hoogheid photografeeren. + +Den volgenden dag laat de sultan weten dat hij ongesteld is en ons niet +ontvangen kan. Wij worden onophoudelijk lastig gevallen door allerlei +bezoekers, die ons de ongerijmdste vragen doen, en ons duidelijk te +kennen geven, dat zij ons voor toovenaars houden, die onder voorwendsel +van, langs onnatuurlijken weg, het portret van den sultan te maken, +hem willen dooden, of althans zijne beeltenis wegvoeren.--Zoo gaan +een paar dagen voorbij, en nog steeds blijft de sultan opgesloten +in zijn harem. Eindelijk maken wij ons gereed om te vertrekken, en +laten de loods afbreken, die wij voor het paleis hadden opgeslagen; +eensklaps verschijnt nu de prins Brahamuddin, half naakt, en bidt ons +niet heen te gaan, daar zijn vader ons den volgenden dag zal ontvangen. + +Dien dag verschijnt de sultan dan ook, bleek, maar prachtig gekleed, +omringd door al de heeren van zijn hof, wier kleederen en wapenen +schitteren en vonkelen in de zonnestralen. De toestel wordt in +gereedheid gebracht, de afstand bepaald; maar op het noodlottig +oogenblik treedt de sultan terug en stelt zijn zoon in zijne +plaats. Eene doodsche stilte heerscht in het ronde. De toestel wordt +geopend en gesloten; en na verloop van eenige oogenblikken, kan ik +het welgeslaagde portret van den prins aan den verbaasde omstanders +vertoonen. De sultan is nu buiten zich zelven van verrukking; hij +legt zijn hovelingen het zwijgen op, en laat zich in verschillende +houdingen, zittende, staande, alleen en door anderen omgeven, +photografeeren; hij zou nu wel iedereen willen nopen, zijn portret +te laten maken. + +Den 18_den_ Januari 1880 namen wij afscheid van al onze vrienden op +Soeloe, en gingen aan boord van de _Royalist_, die ons naar Sandakan, +op de noordoost kust van Borneo, moet brengen. + + +IV + +De baai van Sandakan.--De haven van Davao. + + +20 Januari 1880.--het is onstuimig weer; de zee gaat hoog, en een koude +regen onttrekt aan ons oog de eilanden en riffen van den archipel van +Tawi-Tawi, die zich tusschen Soeloe en Borneo, van het noordoosten +naar het zuidwesten uitstrekt, en de zee van Mindoro van die van +Celebes scheidt. Tegen tien uren des avonds werpen wij het anker uit +in de baai van Soendakan, voor Elok Poera, hetgeen in het maleisch +zooveel beteekent als de schoone stad. + +Zes maanden geleden stond er nog geene enkele hut op deze heuvelen, +voor welke nu waarschijnlijk eene schitterende toekomst is weggelegd: +Elok Poera is tegenwoordig de hoofdplaats van de _North British Borneo +Company_, die van de sultans van Soeloe en Broenei een grondgebied +van veertigduizend vierkante mijlen in het noorden van Borneo, +in vollen eigendom en met afstand van alle souvereiniteitsrechten, +ontvangen heeft. + +De resident (directeur der Compagnie), de heer W. B. Pryer, ontvangt +ons met de grootste beleefdheid en dringt er op aan, dat wij onzen +intrek in zijne woning zullen nemen; zelf een entomoloog van naam, +beschouwt hij ons als collega's. Daar in zijn huis nog gewerkt wordt, +slaan wij zijn vriendelijk aanbod af; hij stelt daarop de nieuwste +hut van Elok Poera tot onze beschikking. + +Nadat wij eenige dagen hadden doorgebracht met het maken van uitstapjes +in de omstreken van Elok Poera, vertrok ik naar de rivier de Sagalioed, +die zich in de golf van Sanbakan uitstort, achter Hadji Poeloe. Ik +wensch een bezoek te brengen aan de Buled Upih, een inlandschen +stam, die uit een anthropologisch oogpunt bijzonder de aandacht +verdient. Des avonds werpen wij het anker uit bij het dorp Timban, +dat door uitgewekenen uit Soeloe wordt bewoond. + +Den zevenden Februari ging ik des morgens ten half zes op weg. De +kust daalt; de onzekere lijn van het strand, de toenemende +menigte wortelboomen _acicenna alba_, die het hoog opgaande hout +vervangen, alles kondigt aan dat wij de monding van de Sagalioed +naderen. Omstreeks half tien liep ik, bij lage zee, de monding binnen, +die door eene bank wordt versperd, waardoor een smal ondiep kanaal +loopt. Aan de andere zijde der bank bedraagt de diepte tusschen de +vijf en zeven el. De oevers zijn laag en geheel begroeid met riet en +wortelboomen, die langzamerhand plaats maken voor nipa. Eene menigte +beken storten zich hier in de Sagalioed uit; en nadat mijn gids +naar alle kanten heeft rondgekeken, verklaart hij niet te weten, +welke van al die wateren de eigenlijke rivier is. Het grootste +gedeelte van den dag gaat voorbij met zoeken en opsporen, alles +onder de stralen eener brandende zon. Eindelijk, in den namiddag, +gelukte het ons, uit te maken welke de rivier is en haar juisten +loop te bepalen. De nipa-palmen maken nu weldra op hunne beurt +plaats voor de hooge stammen en prachtige boomen van het tropische +oerwoud. Door den vloed geholpen, varen wij nu verder tusschen twee +hooge levende muren van ondoordringbaar gebladerte, waartusschen de +Sagalioed hare wateren voortstuwt, als in eene diepe kloof. Zelfs +mijne roeiers zijn blijkbaar onder den indruk van de overweldigende +majesteit dezer heerlijke trotsche natuur. Van tijd tot tijd wordt +de plechtige stilte dezer eenzaamheid verbroken door ruwe kreten en +gebrul. De takken en twijgen langs den oever worden eensklaps door eene +onzichtbare oorzaak in eene golvende beweging gebracht; wij hooren het +kraken van gebroken takken, van gescheurde lianen, een geruisch van +bladeren: dan sterft het geluid langzaam weg en verliest zich in de +verte. Behalve een aantal herten en wilde zwijnen, vindt men in deze +bosschen ook olifanten, rhinocerossen, orang-oetans en eene groote +menigte andere apen. Vergeefs tracht ik er nu en dan een te treffen: +het dicht gordijn van takken en gebladerte schudt en ruischt, maar +schijnt zelfs voor kogels ondoordringbaar: althans het blijkt niet, +dat mijn schot werkelijk getroffen heeft. + +Den volgenden morgen kwam ik te Sagalioed, het armzalige dorp van de +Buled Upih, die mij vriendelijk on welwillend ontvangen. Deze Buled +Upih, wier gelaatstrekken bijna den europeeschen type vertoonen, +hebben, volgens mijne waarnemingen, eene gemiddelde lengte van 1.583 +meter; hunne kleur is betrekkelijk licht. Zij zijn onverschrokken +jagers, en hoewel slechts gewapend met slechte versleten geweren, +tasten zij zelfs olifanten en rhinocerossen aan. + +Nadat ik zoo ver mogelijk den loop der rivier had gevolgd en de +vereischte opmetingen gedaan, waarmede een tiental dagen gemoeid +waren, keerde ik naar Elok Poera terug, waar ik den heer Rey vond, +die eene mooie collectie had bijeengebracht, welke eerlang nog zal +verrijkt worden. + +Wij bevinden ons in landstreken, waar krokodillen in menigte huizen: +oppervlakkig zou men zeggen dat wij reeds herhaaldelijk met die +dieren in aanraking moesten zijn gekomen, maar toch hebben wij er +nog geen enkel gezien. Alle Europeanen, met wie ik daarover spreek +en aan wie ik mijne verwondering te kennen geef, verklaren dat zij +niet gelukkiger zijn geweest dan wij. Thans zal deze ledige plaats in +onze verzameling worden aangevuld. Vier Soeloeneezen brengen ons een +levenden jongen krokodil, dien zij stevig gebonden hebben, zoodat hij +zich niet roeren kan. Het komt er nu op aan, het dier met de noodige +voorzorg te villen, zonder het geraamte te beschadigen. Daar ik nog +altijd lijdende ben ten gevolge van de beten der bloedzuigers in de +bosschen van de Sagalioed, draag ik die gewichtige taak op aan mijn +muchacho (jongen) Juan, die minder dan ik door deze afschuwelijke +dieren is gehavend. Juan, die mij dikwijls bij onze werkzaamheden +geholpen heeft, maar nog nooit zelf eene operatie heeft verricht, toont +zich zeer vereerd door het in hem gestelde vertrouwen, en tijgt met +grooten ijver aan den arbeid. Hij installeert zich met zijn kameraad, +den muchacho van den heer Rey, op zijn gemak onder de veranda; bindt +den krokodil op eene plank, en worgt hem met den klassieken strop; +vervolgens maakt hij met vaste hand eene insnijding in het vel van het +borstbeen. Op het eigen oogenblik doet een verschrikkelijk leven mij +van mijne mat opspringen. Juan en de muchacho van den heer Rey liggen +achterover op den grond, te midden van planken, instrumenten en kisten; +alles is in volslagen verwarring. De krokodil was niet dood: zoodra +hij het skalpeermes voelde, verbrak hij zijn boeien en sprong over +de balustrade van de veranda. Ik zag hoe hij zich over boomstammen +heen, dwars door de struiken, naar de rivier spoedde. In Elok Poera, +aan den voet van onzen heuvel gelegen, heeft men dit drama gezien: +aanstonds worden alle deuren gesloten, en de anders op dit uur zoo +drukke straat van het stedeke is in een oogenblik ledig. Beschaamd en +woedend over zijne mislukte operatie, snelt Juan den vluchteling na: +hij haalt den krokodil in, grijpt hem bij den staart en weet hem op +den rug te wentelen, zoodat hij zich niet meer verdedigen kan. Mijn +muchacho nam nu beter voorzorg, en het duurde niet lang, of het skelet +van den krokodil prijkte in onze collectie. + +Evenals Juan, lijd ook ik aan koorts en aan de gevolgen van de +beten der bloedzuigers; ik moet dan ook in mijne hut blijven. De +meeste nachten breng ik slapeloos door, luisterende naar de niet +onwelluidende muziek van den koeling-tangang (een maleisch orkest), +die, ter gelegenheid van ik weet niet welk inlandsch feest, zich +elken avond laat hooren. Met ongeduld verwachten wij de komst +van een vaartuig, dat ons uit onze gevangenschap verlossen zal; +die verwachting is aanvankelijk vergeefsch, tot eindelijk, door +een gelukkig toeval, de _Kerguelen_, een kruiser behoorende tot ons +eskader in de Chineesche-zee, op de reede het anker laat vallen. De +gezagvoerder, de kapitein Mathieu, heeft de beleefdheid, om onzentwil +van zijn voorgeschreven weg af te wijken, en ons naar Soeloe terug +te brengen. + +Wij moeten eene maand te Soeloe blijven, in afwachting van eene +gelegenheid om naar het zuid-oosten van Mindanao te vertrekken. Ik ben +al dien tijd genoodzaakt, het bed te houden; ik mag niet nalaten, met +innigen dank melding te maken van de hartelijke zorgen en toewijding +van den heer Rey en van den uitnemenden spaanschen officier van +gezondheid, don Manuel Rabadan, die zich een waar vriend toonde. Zoo +als trouwens altijd, kan ik niet dan met den meesten lof gewagen van +de voorkomende vriendelijkheid en hulpvaardigheid van alle Spanjaarden. + +Den zesden April gingen wij aan boord van de _Pasig_, waarvan de +kommandant, don José Zavala, ons reeds van vroeger zeer gunstig bekend +was. De eerste dien wij aan boord ontmoeten, is de bataillonskommandant +don Joaquim Rajal y Larre, onlangs tot gouverneur van de provincie +Davao, in het zuid-oosten van Mindanao, benoemd; hij geeft ons +aanstonds de verzekering dat hij alles zal doen wat in zijn vermogen +is, om ons in de vervulling onzer taak behulpzaam te zijn en onze +nasporingen te vergemakkelijken. + +Mindanao is, na Luçon, het grootste eiland van de Philippijnen; de +oppervlakte wordt geschat op 94,400 vierkante mijlen. Ten noorden ligt +Mindanao tegenover de Bisayas-eilanden; ten westen wordt het begrensd +door de zee van Mindoro, en ten oosten door den Stillen-oceaan. De +zuidkust, door de zee van Mindoro bespoeld, is rijk aan diepe baaien +of inhammen: onder anderen de baai Illana, de geliefde verblijf- +en schuilplaats van de zeeschuimers, wier voornaamste nederzetting +de Rio Grande beheerschte. + +Het eiland wordt bestuurd door een gouverneur-generaal, die den rang +bekleedt van brigadier--een militaire rang tusschen dien van kolonel +en van veldmaarschalk--en te Zamboanga resideert; het is verdeeld in +vier provinciën of afzonderlijke gouvernementen, Cottabato en Davao in +het zuiden, Misamis en Suragao in het noorden. Alleen de kusten zijn +bekend, hoewel de hydrografische kaarten van deze streken, voor het +meerendeel, nog veel te wenschen overlaten. De hydrografische commissie +van de Philippijnen houdt zich nu juist onledig met de opneming van +dat gedeelte der kust van het eiland, dat in den laatsten tijd nog +niet bestudeerd was geworden. + +Dit groote, vruchtbare eiland, waarvan het bergachtige binnenland +nog voor een goed deel onbekend en moeilijk te genaken is, wordt +door verschillende volksstammen bewoond, die in vier groepen kunnen +worden gesplitst: + +1°. De Bisayas, allen katholiek en aan het gezag van Spanje +onderworpen; tot de Bisayas rekent men ook een aantal inlanders, +die sedert geruimen tijd onderworpen en tot het Christendom bekeerd +zijn. Men vindt de Bisayas bijna uitsluitend in de pueblos of vintas, +bijna allen langs de kust of in hare nabijheid gelegen. Het aantal +dezer inboorlingen wordt geschat op omstreeks honderd-vijftig-duizend +zielen. + +2°. De Maleiers of Moros, allen Mohammedanen, vooral in het zuiden +gevestigd, in het stroomgebied van de Rio Grande en rondom sommige +meren van het binnenland. + +3°. Een zeker aantal Chineezen, koelies en kooplieden, in de pueblos +gevestigd. + +4°. De _Infieles_, inboorlingen van zeer verschillend ras, wilde +heidenen, die geheel onafhankelijk zijn en de binnenlanden van het +eiland bewonen. + +De Moros en de Infieles worden te zamen op driehonderd-duizend +zielen geschat. Maar deze schatting kan hoegenaamd geene aanspraak +op juistheid maken, en is eigenlijk niet meer dan eene gissing, +daar deze bevolkingen voor een groot deel geheel onbekend zijn. + +In den avond van den zevenden April voeren wij de straat van Sarangani +binnen, gevormd door de eilanden van denzelfden naam en de landpunt +Panguian. Een kanonschot weergalmt, en wij houden stil. Na verloop van +eenige minuten verschijnt bij ons aan boord de luitenant bij de marine +don Enrique de Ramos y Azcaraga, vergezeld van den dokter don Gabriel +Lopez y Martin. De heer de Ramos, kommandant van het maritieme station +van Davao, kruiste hier sedert eenige dagen met een zijner _faloas_, +kleine, weinig diepgaande kustvaartuigen, die zoowel door zeilen als +door riemen kunnen worden voortbewogen. Hij moest de langs de kust +gevestigde Moros in het oog houden en tevens de Sarangani-eilanden +in kaart brengen. + +De heer de Ramos, van onze aanstaande komst verwittigd door een brief +van onzen consul Dudemaine, treedt ons te gemoet; hij verzekert ons +dat wij, ten behoeve van onze nasporingen en onderzoekingen, geen +gunstiger terrein kunnen kiezen dan de provincie Davao. Hij voegt +daarbij, dat wij in alles op hem kunnen rekenen en dat hij ons naar +vermogen behulpzaam zal zijn. + +Wij zetten nu de vaart voort langs de westelijke kust van de golf +van Davao, waarvan de hooge bergen, de bosschen en velden hetzelfde +karakter vertoonen, dat wij reeds aan de zuidkust van het eiland +hebben leeren kennen. Boven deze bergen verrijst, aan den westelijken +gezichteinder, de Malutun, aan welks voet de Rio Grande vloeit. Dicht +bij Davao en aan de kust verheft zich, met indrukwekkende majesteit, de +Apó, de groote vulkaan, wiens boschrijke hellingen en diepe valleien, +nog nimmer door den voet van een Europeaan betreden, ons reeds dadelijk +na onze aankomst uitlokken tot eene bestijging. + +In den namiddag van den tienden April werpt de _Pasig_ het anker uit +op anderhalve mijl afstands van de kleine rio van Davao, waarvan de +monding door eene bank wordt versperd. Aan land gegaan, worden wij met +de meeste hartelijkheid ontvangen door den eerwaarden pater Minovès, +pastoor van Davao, die er op aandringt dat wij onder zijn dak zullen +inkeeren. Vreezende hem overlast te zullen aandoen, nemen wij onzen +intrek in twee aan elkander grenzende huizen in de stad, waar wij ons +installeeren en weldra, dank zij de hulpvaardigheid der Spanjaarden, +van alles wat wij noodig hebben zijn voorzien. Wij nemen muchachos in +onzen dienst, huren een rijtuig en koopen paarden, zoodat wij overal +in den omtrek uitstapjes kunnen maken. + +Het stadje Davao, ook onder den naam van Vergara bekend, is de +hoofdplaats van de provincie Nueva Guipuzcoa, die het zuid-oostelijk +gedeelte van Mindanao omvat; langs de zuidelijke kust van het groote +eiland strekt zich deze provincie uit van de baai van Sarangani, waar +zij aan de provincie Cottabato grenst, tot de baai van Maijo, aan den +Stillen-oceaan; de noordelijke grens is onbepaald, want het binnenland +is nog meer of min onafhankelijk. In dat binnenland, tusschen de met +dichte wouden bedekte vulkanische bergen, leven in wilden toestand, de +tot verschillende stammen behoorende, zoogenaamde _Infieles_ langs de +kusten, voornamelijk aan de mondingen der riviertjes en beken, hebben +zich de Moros gevestigd, wier onophoudelijke rooftochten eindelijk +de rechtstreeksche tusschenkomst van de spaansche regeering en de +vestiging van haar gezag in deze streken hebben uitgelokt. In 1847 +verkreeg Oyanguren, een officier van beproefde dapperheid en zeldzame +energie, van de regeering te Manilla vergunning, om voor eigen risico, +eene expeditie te ondernemen tegen de Moros van Davao. Hij kreeg van +het gouvernement niet meer dan eenige wapenen en ammunitie, benevens +verlof om eene compagnie vrijwilligers aan te werven. De laatste +der _conquistadores_ vertrok op een kleine brik, liep te Caraga aan +den Stillen-oceaan binnen, wierf daar tweehonderd vrijwilligers aan, +en begaf zich met die kleine macht naar Davao, dat hij zonder slag +of stoot bemachtigde; vervolgens breidde hij al spoedig zijn gezag +uit over de geheele kuststreek, die nog tegenwoordig de provincie +vormt. Sedert dien tijd had de spaansche heerschappij geen ernstigen +aanval meer te doorstaan; de woede en verbittering der Moros uitte +zich in moordaanslagen en rooverijen, die nu in den laatsten tijd, +na de vestiging van een marietiem station te Davao, met kracht worden +onderdrukt. Dit station, waarover het bevel is opgedragen aan een +luitenant ter zee, bestaat uit drie faloas, bemand met vijf-en-zeventig +inlandsche matrozen, en een klein arsenaal, waarvan de werklieden, dank +zij de uitnemende vriendelijkheid van den heer de Ramos, ons de beste +diensten bewijzen. Het bestuur over de provincie is opgedragen aan +een bataillonskommandant, die eene kompagnie van ongeveer tweehonderd +inlandsche soldaten onder zijne bevelen heeft. Deze krijgsmacht is +voldoende om in de kuststreek rust en orde te handhaven. Spanje heeft +wijselijk geene pogingen aangewend tot gewelddadige onderwerwerping van +het binnenland: militaire expeditiën van dien aard, in bijna onbekende, +half bewoonde bosch- en berglanden, te midden van vijandige stammen, +eischen offers van geld en menschenlevens, die meestal in geene +verhouding staan tot de verkregen, en daarbij nog altijd onzekere +uitkomst. De spaansche regering heeft zich voor goed op de kust +gevestigd en wacht nu den verderen loop der gebeurtenissen af: de +ondervinding van de laatste tijden heeft reeds bij herhaling bewezen, +dat deze politiek, met vastheid en beleid gevoerd, onder alle opzichten +de beste is. De provincie Davao is gezond, zelfs langs de kust, +behalve op de plaatsen waar wortelboomen groeien, en waar de inzakking +van den grond moerassen heeft gevormd: deze laatsten zijn echter +gelukkig zeldzaam. De heerschende ziekten zijn diarrhee, dysenterie en +derdendaagsche koorts; de inlanders zijn daaraan vooral onderhevig; +het is niets vreemds, Bisayas te ontmoeten, die jaren achtereen, nu +en dan, soms maanden lang met de koorts sukkelen. Europeanen worden +minder dikwijls door die koortsen aangetast; maar geschiedt dit, +dan woedt de ziekte bij hen in veel heviger graad. Mits zij zich +aan een zeer strengen leefregel houden, kunnen de Europeanen hier +gezond blijven. Dit geldt natuurlijk alleen van volwassen mannen: +zoowel hier als elders, werkt het tropische klimaat bepaald nadeelig +op geheel het organisme van blanke vrouwen en kinderen. + +Mijn reisgenoot en medehelper, de heer Rey, ondervindt in het eind +ook de onvermijdelijke gevolgen onzer levenswijze. Tot dus ver had +hij slechts met lichte, voorbijgaande ongesteldheden te kampen; nu +is zijne gezondheid in zoo hevige mate geschokt, dat hij zijn werk +niet langer kan voortzetten, en een onverwijlde terugkeer naar Europa +voor hem noodzakelijk is. Met diep leedwezen neem ik afscheid van mijn +vriend, met wien ik nu ruim een jaar heb gereisd, zonder dat ooit de +goede verstandhouding tusschen ons in het minst werd verstoord. Ik +vergezel den heer Rey aan boord van de _Pasig_, en neem met een +hartelijken handdruk van hem afscheid: moge de zeereis hem goed doen. + +Met dezelfde boot vertrok de kommandant don Faustino Villa Abrille +y Alvarez, gouverneur van Davao, die zijn ambt heeft overgedragen +aan den kommandant Rajal. Sedert wij hier zijn, hebben de oude en de +nieuwe gouverneur ons om strijd met de meeste voorkomendheid bejegend +en alles gedaan wat in hun vermogen was, om ons de vervulling onzer +taak gemakkelijk te maken. + +Vijf maanden lang hield ik mij te Davao op, waar ik mijn hoofdkwartier +heb gevestigd en van waar uit ik in steeds wijder kring uitstapjes +in den omtrek maak. De Infieles van deze streek, de Bagobos vooral, +bezitten uitmuntende paarden; iedereen, mannen, vrouwen en kinderen, +rijdt in deze bergachtige streken te paard; en deze dieren worden hier +met niet minder zorg behandeld en verpleegd dan in Algerië. Maar +ondanks hunne reputatie als ruiters, zitten deze inboorlingen +toch niet stevig in den zadel: door den eigenaardigen vorm van den +stijgbeugel kunnen zij hunne knieën niet goed gebruiken en moeten +zich dus in evenwicht houden: van daar dat een val van het paard +volstrekt geene zeldzaamheid is, vooral bij de groote bewegelijkheid +der ruiters. Daar komt bij dat zij, ook te paard zittende, steeds een +lans in de hand hebben, waardoor de kansen om een ongeluk te krijgen, +aanmerkelijk vermeerderd worden. Onlangs was ik met twee opperhoofden +uit den omtrek van Davao op de herten- en zwijnenjacht. Wij bevonden +ons aan den zoom van een uitgestrekt, zacht golvend weiland, rondom +door bosschen omgeven; achter ons waren eene menigte _sacopes_ en +slaven bezig, met groot geschreeuw, het wild op te jagen en naar +het weiland te drijven. Weldra schoot een hert uit het bosch te +voorschijn; wij jagen het dier na, dwars door het hooge gras, dat +een aantal kuilen en greppels voor hot oog verbergt; de inlandsche +paarden weten met merkwaardig instinkt die gevaarlijke plekken te +vermijden: zij voelen aan de weekheid van den bodem, dat een poel +of greppel in de nabijheid is en springen er over heen. Ditmaal had +een der paarden zijn sprong niet goed berekend en viel. De ruiter +werd natuurlijk over den kop van het paard heen geslingerd, en kwam +op zijne lans terecht, die ongelukkig in den grond was gedrongen, +met de punt naar boven. Gelukkig was de wond niet doodelijk; door +eene zorgvuldige behandeling mocht het mij gelukken, hem te genezen; +maar de ongelukkige dato zal zijn leven lang eene belemmering in de +ademhaling behouden en hij zal van de drijfjacht moeten afzien. + +Men vindt in den omtrek van Davao verschillende inlandsche stammen, +die zich zeer wezenlijk van elkander onderscheiden. + +De Bisayas geven den naam van Atas aan de Negritos, die ik tot dusver +nog enkel als slaven heb ontmoet, en ook aan andere stammen, die ten +noordwesten van den Apó leven. Deze laatsten hebben betrekkelijk een +vrij hoogen trap van beschaving bereikt en vormen een geordende +maatschappij; zij zijn de eenigen, die zich met de Moros durven +meten, aan wie zij een onverzoenlijken haat gezworen hebben; en hunne +stoutmoedigheid wordt niet zelden met goeden uitslag bekroond. + +De Tagabawas, die in zeden en levenswijze niet veel van de Atas +verschillen, schijnen echter meer vredelievend en tot toenadering +gezind. Hunne kleeding bepaalt zich in den regel tot het hoogst +noodige; maar bij feestelijke gelegenheden behangen zij zich letterlijk +met halskettingen en allerlei soort van sieraden. + +De Guiangas, de Samals, de Tagacaolos en nog een paar andere, min of +meer talrijke stammen, leven in halve barbaarschheid en voor een deel +ook in onophoudelijke vijandschap, zoowel met de blanken, als vooral +met de mohammedaansche Maleiers of Moros, die zich langs de kusten +hebben gevestigd, en die ook geene gelegenheid laten voorbijgaan +om de Infieles te bedriegen en op de meest schaamtelooze wijze te +exploiteeren. + + +V + +Beklimming van den vulkaan Apó. + + +October 1880.--Bij mijn terugkomst te Davao, verneem ik van den +gouverneur Rajal, dat hij een onderhoud heeft gehad met den dato Mani, +het opperhoofd van een der talrijkste en machtigste stammen, die +de oostelijke hellingen van den vulkaan Apó bewonen, en den toegang +tot den berg, die in hunne oogen eene heilige plaats is, zoowel aan +de Spanjaarden als aan de Infieles ontzeggen. Deze dato Mani hield +zich overtuigd, dat zijn gebied voor de Spanjaarden onbereikbaar was: +die overtuiging was hoogst waarschijnlijk gegrond op den ongelukkigen +afloop van enkele pogingen tot beklimming van den Apó. Maar daar hij +voor Davao een zeer lastige nabuur was, nam de vorige gouverneur, op +een zekeren morgen, twintig soldaten met zich en omsingelde Mani met +zijn geheele kamp; hij onderwierp zich en verkreeg vergiffenis. De +kommandant Rajal heeft nu van Mani stellige toezeggingen verkregen: +de dato zal zich niet verzetten tegen de bestijging van den vulkaan; +meer nog, hij zal zelf onze gids zijn en zal ook geen slaaf offeren +om den toorn van zijn god te bezweren. + +De vriendelijke gouverneur, die den tocht zoo spoedig mogelijk +ondernemen wil, noodigt mij uit, hem te vergezellen; welke uitnoodiging +ik met graagte aanneem. Met onze toebereidselen zijn wij spoedig +gereed. Wij zullen eenige muchachos medenemen; de gouverneur zal zich +bovendien doen vergezellen door acht soldaten, met remmington-geweren +gewapend, die ons als geleide en tevens als dragers zullen dienen. Het +komt er vooral op aan, zoo nauwkeurig mogelijk de hoogte te bepalen van +den Apó, die nog nooit is bestegen geworden. De zoo bij uitnemendheid +beleefde en hulpvaardige kommandant van het maritieme station van +Davao, don Enrique de Ramos, is dadelijk bereid, mij zijne hulp te +verleenen. Zes maal per dag, op bepaalde uren, zal hij den barometer, +den thermometer en den hygrometer van het station raadplegen; van +dezelfde instrumenten voorzien, zal ik gedurende de beklimming, +zooveel mogelijk op dezelfde uren, mijnerzijds waarnemingen doen; +uit de vergelijking onzer aanteekeningen zullen wij dan de hoogte +trachten op te maken. + +5 October.--Reeds den vorigen avond zijn de inlandsche soldaten, +onder kommando van een europeeschen sergeant, over zee naar Sibulan +vertrokken. Ten zes uren in den morgen stijgen wij te paard; de Apó, +waarvan de top half door den morgennevel omsluierd is, verdwijnt +weldra geheel uit ons oog, want wij bevinden ons in de dichte bosschen, +die zich langs zijn voet uitstrekken en zijne hellingen bedekken. + +Ons kleine gezelschap bestaat uit den eerwaarden pater Mateo Grisbert, +aan de missie van Davao verbonden, uit de heeren don Ramon Lon y +Al-bareda, tweeden luitenant bij de infanterie, don Ramon Cordero, +don José Maria Campo, en don Rafael Martinez. + +Na een vrij langen rit door het bosch, komen wij weder op het strand; +het fijne, vochtige zand is eene uitkomst voor de paarden, die weldra +in vliegenden galop voortstuiven. Omstreeks drie uren in den namiddag +komen wij te Binogao, eene groote hut op het strand van Sibulan, +waar wij onze soldaten vinden en den dato Mani, vergezeld van een +honderdtal Bagobos te voet en te paard, allen gewapend met een bolo +(kris) en eene lans. Mani beweert, dat hij om ons eer te bewijzen +een zoo talrijk gevolg heeft medegebracht, en wij houden ons maar +of wij hem gelooven. Na eene korte rust begeven wij ons op weg; +wij keeren der zee den rug toe en beginnen den berg te beklimmen, +daarbij het pad volgende, dat naar de rancheria van Mani voert, +waar wij des avonds ten zeven uren aankomen. + +Deze rancheria, die zeshonderd-dertien el boven de zee ligt, is zeer +groot, en omringd door eenige kleinere hutten en door eene vrij groote +uitgestrektheid bouwland: alles omsloten door het dichte woud. Al deze +hutten zijn vrij hoog boven den grond verheven en rusten op stammen +van boomachtige varens; de groote merkwaardigheid van deze rancheria +is eene kleine smidse, voorzien van een aanbeeld, dat door de Infieles +en Moros uit den omtrek met naijverige en begeerige blikken wordt +aangezien; in deze smidse worden, ondanks de gebrekkige werktuigen, +door de inlanders zeer goede bolos vervaardigd. + +De vrouwen en de vader van Mani ontvangen ons boven aan de trap of +ladder, die toegang geeft tot het adellijk kasteel. De vader van Mani, +een meer dan tachtigjarige blinde grijsaard, houdt zich steeds vast +aan zijne laatste vrouw, eene jonge Bagoba van veertien jaar. + +Den volgenden morgen blijkt ons escorte van inlandsche lansiers met +eenige manschappen verminderd, want de Infieles beginnen te begrijpen +dat zij een gedeelte van onzen voorraad zullen hebben te dragen. Mani, +schijnbaar zoo dienstvaardig mogelijk, stookt onder de hand zijn volk +op, dat zij weigeren eenigen last te dragen. Toch is het noodig, dat +wij althans eenige mondbehoeften medenemen. Dit gehaspel veroorzaakt +vertraging, zoodat wij eerst tegen den middag vertrekken kunnen. + +Nadat wij, niet zonder moeite, door eene diepe beek zijn getrokken, +komen wij op eene vlakte, die met hooge boomen is begroeid, welke +gaandeweg vervangen worden door groote bosschages van bamboe, waarvan +de krachtvolle stengels eene hoogte bereiken van dertig tot veertig +voet. Een tropische plasregen, van hevige windvlagen vergezeld, +noodzaakt ons, gedurende eenigen tijd stil te houden; als wij onzen +tocht hervatten, bevinden wij ons weldra aan den rand van een diep +ravijn, waarvan de wanden loodrecht afdalen; zeer tot onze spijt, +moeten wij hier van onze paarden afscheid nemen. De soldaten krijgen +nog iets meer te dragen, en wij beginnen langs de steile, boschrijke +helling af te dalen, tot wij eindelijk aan den oever komen van de rio +Tagulaya, een breeden en diepen bergstroom, die nu, door de regens +gezwollen, met onstuimig geweld door zijne nauwe bedding schiet. + +Op zekere hoogte boven de rivier is een enkele bamboestengel van de +eene rots naar de andere gespannen; de Bagobos gaan, met hunne bloote +voeten, met het grootste gemak over deze meer dan eenvoudige brug; +voor ons heeft dat meer moeite in. Aan de overzijde stuit de brug +tegen een hoogen, gladden rotswand, waarlangs een liane gespannen is; +ons aan die liane vastklemmende, klauteren wij met levensgevaar naar +beneden, elk oogenblik dreigende in de bruisende wateren te storten +van de Tagulaya, die dertig voet beneden ons, schuimend en kokend, +zich een weg baant over en tusschen puntige rotsen. Het is mij +onverklaarbaar, hoe onze soldaten, met hunne wapenen en onze bagage +beladen, zonder ongeval beneden komen. Als wij eindelijk allen op +eene smalle landtong zijn aangekomen, slaan wij daar ons bivouak +op, tusschen de eerste boomachtige varens. De plek is wonderschoon; +wij brengen daar een kalmen nacht door, in slaap gewiegd door het +harmonisch geruisch der wateren. + +7 October.--Ten zeven uren des morgens bevinden wij ons midden in +de Tagulaya, die met groot gerucht door een bochtig dal stroomt; +de oevers zijn loodrecht; wij zijn dus genoodzaakt de bedding der +rivier te houden. Mani verzekert ons, dat wij spoedig een beteren weg +zullen vinden; ik houd mij overtuigd dat de valsche dato, die niet +durfde weigeren ons naar den vulkaan te geleiden, nu met opzet den +tocht zoo bezwaarlijk mogelijk maakt, in de hoop ons daardoor af te +schrikken. Vijf uren lang worstelen wij stroomopwaarts, te midden +der schuimende wateren, telkens uitglijdende op de gladde rotsen; +twaalf malen zijn wij genoodzaakt, dwars door woedende draaikolken, +den ziedenden stroom te doorwaden om eene begaanbare plek te vinden; +dikwijls reikt het koude water ons tot aan de schouders. Overigens +is het landschap betooverend schoon: ter wederzijde stijgen tot eene +hoogte van vijftig tot honderd el de donkere rotswanden omhoog, +waarlangs kristallen watervallen naar beneden ruischen. Dichte +gordijnen van lianen en orchideeën hangen tot op het water af, en +verhullen zoo halverwege den ingang van ruime grotten en spelonken, +die wij gaarne zouden onderzoeken, indien het mogelijk ware, op dezen +weg te blijven stilstaan. Boven onze hoofden vormen de dooreengeweven +takken van reusachtige varens en aurentaceën een dicht gewelf, waardoor +de zonnestralen met moeite heendringen en de schoonste spelingen van +licht en schaduw tooveren op de snelvlietende schuimende wateren. Onze +Bagobos, alleen met een glanzend broekje gekleed, met de lans in de +vuist, overal over de rotsen verspreid, vormen te midden van deze +romantische omgeving, eene fantastische stoffage; waren we niet tot +op het gebeente doorweekt, uitgeput van vermoeienis en gekneusd en +gehavend, dan zouden wij kunnen meenen te droomen. + +Wij verlaten eindelijk de bedding dezer beek, waarvan ik de ellende +en de schoonheid niet licht vergeten zal; wij klauteren langs steile +bergwanden omhoog en komen eindelijk, half dood van vermoeienis, +omstreeks den middag, aan eenige hutten, door kleine maisvelden +omringd: dat is de rancheria van Tagaydaya, die aan den dato Bitil +behoort, een bondgenoot van Mani. De Bagobos van Tagaydaya hebben nog +nooit Europeanen gezien; in den beginne schijnen zij zeer wantrouwend, +maar allengs meer op hun gemak komende, geven zij ons volgaarne de +weinige levensmiddelen die zij missen kunnen. Een mijner muchachos +ruilt vijf kippen in tegen eenige glaskoralen, die niet meer dan +vijftien centen waard zijn. + +Den volgenden morgen was een onzer reisgezellen, waarschijnlijk ten +gevolge van de inspanning van den vorigen dag, ongesteld; een hevige +aanval van koorts belet hem, de reis te vervolgen. Ongelukkig laat +het zich niet aanzien dat hij spoedig beter zal zijn; wij kunnen hier +niet vertoeven en zijn dus genoodzaakt, den kranke te Tagaydaya achter +te laten, met den noodigen voorraad chinine, onder de hoede van een +zijner vrienden en van twee inlandsche soldaten. + +Den negenden vervolgen wij onzen tocht, en beklimmen den berg Pupuq, +die op eene hoogte van omstreeks duizend meters een uitgestrekt plateau +vormt, dat met lianen en struikgewas is bedekt. De temperatuur van den +grond wordt merkbaar hooger, en de lucht is vervuld met zwavelachtige +dampen. Aan den voet van de noordelijke helling van den berg Pupuq +ontspringt een der bronnen van de rio Tagulaya. Aan de overzijde van +deze beek verandert de vegetatie eensklaps van karakter. De boomen +en planten, die tot dusver den berg bedekken, maken plaats voor +een woud van boomvarens, tusschen de tien en twintig ellen hoog; +de stammen zijn, evenals de grond, geheel overdekt met een dichten +mantel van mosch en klimop; de vochtigheid is buitengewoon, en overal, +op den grond, op de bladeren, langs de stammen, vloeit en druppelt het +water. Omstreeks twee uur in den namiddag begint de helling minder +steil te worden, en betreden wij de bijna uitgedroogde bedding van +een bergstroom, die na den regen eene opeenvolging van bruisende +watervallen moet vormen. Gelukkig heeft de beek nu zoo goed als geen +water; maar toch kost het geweldige inspanning, om de reusachtige +steenblokken en steile rotsen te beklimmen, die ons telkens den weg +versperren. De zwaar beladen soldaten kunnen bijna niet meer voort; +een hunner zinkt, aan den rand van den afgrond, bewusteloos neer, +met alle verschijnselen van dreigende verlamming der longen; met +groote moeite sleepen wij hem voort tot aan de plaats, waar wij ons +bivouak willen opslaan, op eene hoogte van 2229 meter. Wij bevinden +ons te midden van lage varens, waarvan het water afdruipt; dit is te +onaangenamer, daar gedurende den nacht mijn minimumthermometer tot 8° +boven nul daalt. + +Omtrent den verder te volgen weg kunnen onze Bagobos ons geene +inlichtingen meer geven. Wij kunnen den vulkaan zeer duidelijk zien; +de zuidelijke helling van den Apó is naar ons toegekeerd; deze +helling is over de geheele hoogte verdeeld door eene breede spleet, +waaruit wolken van damp opstijgen. Voor zoover wij zien kunnen, is +de berg van die zijde ongenaakbaar. Wij besluiten, de bestijging aan +de oostzijde te beproeven: en dit besluit werd ons door een goeden +genius ingegeven, want alleen daar is beklimming mogelijk. + +10 October.--Hoewel wij eene hoogte van 2229 meter hebben bereikt, +moeten wij nog een goed eind hooger klimmen; twee uren lang gaat +de tocht met zeer veel moeite bergopwaarts. De boomvarens zijn op +eene hoogte van 1900 meter verdwenen; wij bevinden ons thans in een +dicht bosch van lage varens, wier knoestige, dooreengevlochten, over +den grond kruipende stammen en takken een soort van veerkrachtig bed +vormen, waarop men niet kan voortkomen, dan door van den eenen tak op +den anderen te springen. Na tallooze malen gestruikeld en gevallen +te zijn, komen wij, uitgeput van vermoeienis, op eene hoogte waar +de schrale en armelijke plantengroei geen beletsel meer is (2370 +meter). Hier begint de bestijging van den eigenlijken vulkaan: de +bodem bestaat voor een goed deel uit steenen en asch, meestal met +een laag zwavel van een tot twee duim dikte. In de spleten der rotsen +vinden wij uitmuntend water, dat ons heerlijk te stade komt. + +Tegen tien uren bevinden wij ons aan den rand van de groote zuidelijke +spleet, die wij gisteren uit de verte hebben gezien; hare breedte +bedraagt ongeveer vijftig el; de loodrechte wanden hebben eene hoogte +van tusschen de twintig en zestig meter. Uit die wanden stijgen, +met een schel gefluit, zwavelzure dampen omhoog, wier helder witte +kleur scherp afsteekt bij het vuile geel van de dikke zwavellaag, die +de gansche spleet bedekt. De grond wordt brandend heet: weldra houdt +bijna alle spoor van plantengroei op; slechts enkele jeneverstruiken +verheffen zich nog hier en daar tusschen de asch. De Bagobos staan +aarzelend stil. Ziende dat wij vast besloten zijn, voort te gaan, +verzekert een oude slaaf, die tevens het beroep van toovenaar +uitoefent, zijn makkers, dat zij ons zonder vrees kunnen volgen; +hij heeft den god Mandarangan uit den krater zien opstijgen en in de +wolken verdwijnen; aanstonds wordt zijne getuigenis bevestigd door +verschillende Bagobos, die verklaren hetzelfde gezien te hebben. + +Om twaalf uren komen wij aan den voet van den krater, in eene +kleine vallei, waarvan de noordelijke rand, veel minder hoog dan de +zuidelijke, van Davao gezien, de top van den berg schijnt te zijn. Op +hetzelfde oogenblik, nog eer ik eenige waarneming had kunnen doen, +worden wij omhuld door dichte wolken. Wij besluiten niettemin, +de bestijging ten einde toe te volbrengen. Ondanks de buitengewoon +steile helling van den buitenrand van den krater, bereiken wij zonder +al de groote inspanning den top, dank zij vooral de eigenaardige +ligging der blokken puimsteen, die bijna overal eene natuurlijke trap +vormen. Juist als wij het einddoel van onzen tocht bereiken, worden de +wolken die ons omhullen nog dichter, en worden wij onaangenaam verrast +door een fijnen, doordringenden regen. Het is mij ter nauwernood +mogelijk, het inwendige van den krater, die ongeveer vijfhonderd el +in doorsnede heeft, te onderscheiden; ook aan de binnenzijde groeien +nog dwergachtige jeneverstruiken. De bodem is onzichtbaar door de +voortdurend opstijgende rook- en dampwolken. Tot overmaat van ramp, +is Marcello, mijn getrouwe muchacho, die de instrumenten draagt en +tot hiertoe mij trouw is bijgebleven, ongeveer honderd el lager +eensklaps blijven stilstaan, hetzij door uitputting, hetzij ten +gevolge van duizeligheid; maar toch kan de hieruit voortvloeiende +vergissing in do hoogte-berekening slechts zeer gering zijn. Volgens +mijne waarneming bedraagt de hoogte van den berg 3185 meter. De +honderdgradige thermometer teekent vijftien graden onder nul. + +Wij aanvaarden zoo haastig mogelijk den terugtocht, uit vrees voor +slecht weer. Tot op eene hoogte van 2400 meter afgedaald, worden wij +verrast door een prachtig schouwspel. Achter ons verrijst de geheel +van wolken bevrijde krater, als een reusachtige, afgebrokkelde muur, +en teekent tegen den blauwen hemel de onregelmatige lijn van zijn +getanden top; rondom strekt zich een onmetelijk tapijt van zwavel +uit, waarvan de omtrekken zich verliezen in de violette tinten van de +lichtende wolk, die langzaam onder onze voeten voortglijdt. Over dien +zwevenden wolkensluier heen, overziet de blik een prachtig panorama: +de dichte wouden, die de hellingen van den Apó bedekken, en verder +de blauwe wateren van de golf, waarin de landpunten van Dumalac en +Malalac, en de eilanden Samal en Talikoed als donkergroene massaas +uitkomen tegen het lichtend blauw der zee. + +Het was ons niet lang vergund, van dit wonderschoone tafreel te +genieten; nauwelijks zijn wij weer in de streek der lage varens +aangekomen, of een geweldige regenvloed verblindt en verstijft ons van +koude; in den woesten storm verlies ik de meeste planten, die ik boven +op den kegel geplukt had. Onder een stroomenden zondvloed komen wij +aan ons ellendig bivouak van gisteren, waar wij den nacht doorbrengen +op een leger van haastig dooreengevlochten knoestige takken. + +11 October.--Toen de dag aanbrak, waren wij bijna verstijfd, maar +een goed vuur en eenige koppen koffie helpen ons weer op de been. Wij +overnachten in de rancheria van Bitil, waar wij het genoegen hebben +onzen vriend aan te treffen, die geheel van zijne koorts genezen is. + +Den volgenden dag kwamen wij aan de rio Tagulaya, die ons bij de +beklimming zoo veel moeite heeft veroorzaakt. Mani heeft nu geen +enkele reden meer om ons aan de waterproef te onderwerpen: hij brengt +ons dan ook langs een zeer bruikbaar pad, dat over de hoogten aan den +linkeroever van de beek loopt. Op de vraag, waarom hij ons de eerste +maal dien weg niet had gewezen, antwoordde hij, dat hij meende dat wij +haast hadden en dat de weg door de beek de naaste was. Wij stelden ons +met dat antwoord tevreden; wij hadden ons doel bereikt, en tot onze +groote verrassing en blijdschap vonden wij ook onze paarden terug, +die wij niet meer hadden gehoopt weer te zien. Om drie uren in den +namiddag komen wij aan de rancheria van Mani, waar wij de treurige +tijding vernemen van het overlijden van eene zijner vrouwen, die +den vorigen dag bezweken was. Dit is een ongelukkig geval, want +er is alle reden om te vreezen, dat de Bagobos den dood van deze +vrouw zullen beschouwen als een teeken van den toorn van Mandarangan +over het beklimmen van den hem gewijden berg; en dat zij, als naar +gewoonte, zullen trachten, den toorn van den god door menschenoffers +te bezweren. De kommandant Rajal neemt Mani ter zijde en brengt hem +met den meesten nadruk onder het oog, dat zoo iets niet geduld zal +worden. De dato zweert bij de nagedachtenis zijner moeder, dat hij +geen bloed zal vergieten; en naar ik later vernomen heb, heeft hij +eerlijk zijn woord gehouden. + +13 October.--In den loop van den morgen zijn wij weder te Davao, +waar men met niet weinig verbazing het welslagen verneemt van onze +expeditie, waarvan de inlanders en de Bisayas eenstemmig verklaard +hadden, dat zij noodwendig mislukken moest. Wij zijn wel een weinig +vermoeid, maar zeer voldaan. Ik voor mij heb, ondanks enkele +vermoeienissen en ontberingen, die trouwens van zulk een tocht +onafscheidelijk zijn, de aangenaamste herinnering behouden aan dit +uitstapje, dat door de welwillendheid, de vriendelijkheid en het +onverstoorbaar goede humeur mijner spaansche gastheeren voor mij een +waar genot is geweest. + + +VI + +Dwars door Mindanao. + + +Mijn voornemen is, het eiland Mindanao van het zuiden naar het noorden +te doorreizen, en den bergrug over te trekken, die het noordelijk van +het zuidelijk gedeelte des eilands scheidt. Aan de baai van Butuan +gekomen, zal ik het schiereiland Surigao omvaren, en de kust van +den Stillen-oceaan volgende, langs kaap Sint-Augustijn naar Davao +terugkeeren. + +Deze tocht is verre van gemakkelijk; de eerwaarde paters Juan Heras +en José Minoves, de eenigen die, in omgekeerde richting, deze reis +hebben gemaakt, deelen mij met de grootste bereidwilligheid alle +inlichtingen mede, die zij geven kunnen, en wijzen mij tevens op de +meer dan waarschijnlijke moeilijkheden en bezwaren: het saizoen is ook +niet gunstig. De zuidwest-moesson is in geheel den omtrek van de golf +van Davao nog niet voorbij; verderop zal ik den noordoost-moesson in +volle kracht aantreffen; overvloedige regens zijn dus te wachten. Maar +ik kan geen zes maanden wachten op de verandering van moesson, die +langs de kust van den Stillen-oceaan eerst in Mei invalt. + +In den namiddag van den vierden November vertrok ik aan boord van eene +groote en stevige banca, mij door don Basilio welwillend afgestaan. Ik +heb mij van de noodige instrumenten en levensmiddelen voorzien, +en behalve mijne twee gewone muchachos, Marcello en Lorenzo, nog +twee anderen gehuurd: Florès, gewezen matroos van het eskader der +Philippijnen, bepaaldelijk met de zorg voor de wapenen belast; en +Francisco, cuadrillero van Davao, aan wien de gouverneur welwillend +verlof heeft verleend. Al deze muchachos zijn inlanders en behooren +tot den stam der Bisayas. Eindelijk heb ik--wel is waar, bij gebrek +van beter,--als gids en tolk een gewezen koopman aangenomen, die +beweert meermalen in aanraking te zijn geweest met de Mandayas en +hunne taal te verstaan. + +In den morgen van den zesden November voer ik, bij laag water, de rio +Tagum binnen, maar moest weldra, door de hevigheid van den stroom, +mijn vaartuig vastleggen. Bij wassend water, omstreeks twee uur in den +namiddag, kon ik de vaart hervatten. De Tagum, die hier door een laag +alluviaal terrein vloeit, beschrijft een tal van kronkelingen, die op +geene enkele kaart zijn aangewezen; de aanvankelijk zeer lage, dicht +begroeide oevers worden wat hooger bij Bincungan, eene vrij belangrijke +rancheria van Moros, waar ik tegen zes uren in den avond aankom. Hier +werd, eenige jaren geleden, de ongelukkige don José Pinzon, gouverneur +van Davao, met een deel van zijn escorte, overvallen en vermoord. De +bewoners ontvangen mij wel niet vriendelijk, maar durven niet verder +gaan, want zij zijn voor hun vroeger verraad geducht gestraft. + +Daar de Tagum steeds bochtiger en ondieper wordt, raakt mijne +banca telkens aan den grond en kom ik niet dan uiterst langzaam +vooruit. Eerst tegen zes uren in den avond van den zevenden kwam ik +te Babao, het eerste dorp der Mandayas, waarvan de inwoners de vlucht +namen, toen zij mij aan land zagen stappen. Door den vrij belangrijken +diepgang van mijne boot kan ik haar niet meer gebruiken; ik zend +haar dus met de bemanning naar Davao terug, en moet nu trachten, +van de Mandayas lichte prauwen en roeiers te bekomen. Mijn tolk +wordt, behoorlijk van geschenken voorzien, het bosch ingezonden om +de gevluchte dorpelingen op te sporen; hij brengt er slechts enkelen +mede; maar wat ik reeds vroeger vreesde, blijkt nu de waarheid te zijn: +de kerel is het mandaya volstrekt niet meester. Gelukkig heeft dit +dialekt veel overeenkomst met het bisaya; na een langdurig gesprek, +dat van dezen of dien kant herhaaldelijk door gevraagde inlichtingen +en verdere bijzonderheden werd afgebroken, werden wij het eindelijk +eens. Morgen krijg ik drie lichte vaartuigen, die tegen den oever +vastgemeerd liggen, en zes roeiers, die de prauwen moeten terugbrengen, +zoodra de rivier ophoudt bevaarbaar te zijn. + +Als ik den volgenden morgen vertrekken wil, zijn er geen roeiers te +vinden: al de mannen zijn opnieuw in de bosschen gevlucht; de vrouwen, +die in de hutten zijn achtergebleven, zien mij met verbaasde domme +gezichten aan, zonder dat het mogelijk is, haar een enkel woord +te ontlokken. Terwijl mijne muchachos de vluchtelingen opsporen, +houd ik mij met sterrekundige waarnemingen bezig. De Mandayas zijn +nergens te vinden: maar de drie toegezegde booten liggen nog altijd +aan den oever gemeerd. Al mijne bagage is in die drie prauwen gepakt; +ik zend de banca van don Basilio naar Davao terug, en ga op weg met +mijne vier muchachos en mijn zoogenaamden tolk. + +Een mijl boven Babao neemt de Tagum eene andere rivier op, de +Sahug genaamd. Na eenige aarzeling, tengevolge van tegenstrijdige +inlichtingen, besluit ik den Sahug op te varen; omtreeks vier uren +in de namiddag kwam ik te Mapawa, een vrij talrijk bevolkt dorp der +Mandayas. De bewoners houden zich aanvankelijk op een afstand, maar +zonder eenige vijandelijke houding aan te nemen; mijne muchachos +mengen zich onder hen, waardoor allengs meer toenadering komt. Een +flesch wijn, eenige halskettingen en dergelijke kleinigheden maken +dat wij welhaast goede vrienden zijn. Na zonsondergang weerklinkt uit +alle hutten gelach en gezang; nadat het weer stil geworden is, heft een +oude waarzegger eene lange litanie, een soort van bezweringsformulier, +aan; naar het schijnt is zijn lied tot de maan gericht, wier stralen de +tusschen de bananen verstrooide hutten tooverachtig schoon verlichten. + +Den volgenden dag in den namiddag kwam ik te Kalibuhassan, een vrij +belangrijk dorp, op een hoog voorgebergte gelegen, dat door een +smalle landtong met den oever verbonden is. De hutten zijn op palen +en boomstammen gebouwd, en tusschen de twaalf en vijftien el boven +den grond verheven; het dak van bamboestengels is zeer laag en prijkt +aan de beide uiteinde met een zwaren haarbos, die de booze geesten +moet afweren. De hutten zijn omringd door eene hooge palissade van +scherp gepunte palen; aan de binnen- en aan de buitenzijde van die +palissade zijn diepe kuilen of gaten aangebracht, die onder takken, +bladeren en aarde zijn verborgen en van binnen bezet met scherpe +bamboestengels. Aan den oever ziet men een soort van houten vork, +waaraan een plankje bevestigd is, op hetwelk bananen en rijst worden +nedergelegd, als een offer aan Limbucum, de heilige tortelduif, die +voor al de bewoners van het eiland Mindanao, naar het schijnt, een +voorwerp van vereering is. Als altijd, verwekt mijne komst eenige +opschudding; maar met hehulp van eenige geschenken wordt de rust +spoedig hersteld, en terwijl ik mij baad, zie ik dat de inboorlingen +mij gadeslaan, zooals ik naderhand van mijne muchachos hoorde, om +zich te overtuigen of de blanke man op zijn lichaam even haarig was +als op zijn gelaat. + +Ik geef eenige halskettingen aan de kinderen, die in het slijk langs +den oever rollen; daarop nadert een bloedverwant van het afwezige +dorpshoofd tot mij, zeggende: "Ik zie wel dat gij een _lumun_ (broeder) +zijt; kom in mijne woning en slaap in vrede!" + +Saamgebonden bamboestengels, waarin gaten gesneden zijn, vormen +een soort van ladder, waarmede men naar de hut klimt. Dadelijk na +zonsondergang wordt die ladder weggenomen. De hut heeft deur noch +venster; zij ontvangt haar lucht en licht door eene vrij smalle opening +tusschen de wanden en het dak: welke opening tevens met het oog op de +verdediging is aangebracht. De planken, waaruit de wanden bestaan, +zijn voorzien van schietgaten, geheel overeenkomende met die van +onze oude middeleeuwsche kasteelen. De rook moet maar zelf een goed +heenkomen zoeken. Er zijn geene andere meubelen dan eenige matten, +een spinnewiel en een hoogst eenvoudig weefgetouw; daarentegen een +overvloed van wapenen, bogen en pijlen, dolken, lansen en ijzeren +krissen, een volledig arsenaal. + +Het dorp Kalibuhassan bestaat uit vijf hutten: een getal grooter +dan ik nog ergens aangetroffen had. Maar zulk eene hut heeft eene +zeer talrijke bevolking. Deze opeenhooping van menschen in hetzelfde +lokaal geschiedt niet alleen omdat de bouw van zulk eene woning, op +eene hoogte van tien, vijftien, ja zelfs twintig el boven den grond, +een zeer zwaar en moeielijk werk is; maar vooral ook opdat de bewoners +steeds in genoegzamen getale zouden zijn om een vijandelijken aanval +af te slaan. Men is namelijk in deze hutten nooit zeker, dat men den +volgenden dag zal aanschouwen. Midden in den nacht zal het bamboezen +dak misschien eensklaps in brand worden gestoken door vuurpijlen; +en de aanvallers, zich dekkende met hunne schilden, zullen trachten +met hunne bolos de boomstammen of palen om te kappen, waarop de +hut rust. In zulke gevallen is de aanvallende partij bijna altijd +overwinnaar: want de schoten en slagen van de verdedigers missen +in het donker vaak hun doel, en wanneer de hut in brand vliegt of +instort, worden zij onder het puin begraven en kunnen zich niet +meer verdedigen. De Mandayas moorden om te rooven, maar ook wel, +zonder uitzicht op voordeel, louter om de eer; zij hebben in hunne +taal een bijzonder woord, _bagani_, waarmede iemand wordt aangeduid, +die zestig hoofden heeft afgehouwen. Deze baganis zijn de eenigen, +die--mits de wettigheid van hunne aanspraken in de vergadering van +den stam bewezen zij,--het recht hebben, een soort van scharlaken +rooden tulband te dragen. En al de datos zijn baganis. Deze woeste, +barbaarsche zeden, vrij wel overeenkomende met die van de Dayaks op +Borneo en van vele andere stammen in de binnenlanden der eilanden +van den Maleischen archipel, geven eene voldoende verklaring van de +ontvolking dezer streek, van de ellende der bewoners en ook van hun +onverzoenlijken afkeer om zich bij mijne equipage te voegen. Iedere +Mandaya die zijn dorp verlaat, loopt groot gevaar, vermoord of tot +slaaf gemaakt te worden. + +Die ruwheid van zeden heerscht trouwens overal in het binnenland +van Mindanao, en de Mandayas leven niet ellendiger dan hunne +naburen. Integendeel gelden zij voor de oudste en aanzienlijkste +bewoners van het eiland: zij vormen eene soort van aristokratie, en +de Manobas, de machtigste en geduchtste stam onder al de eilanders, +dragen er roem op, als zij, hetzij door roof, hetzij door huwelijk, +mandaya-vrouwen kunnen krijgen. Maar wanneer niet binnen kort het +gezag der spaansche regeering tusschenbeiden komt, zullen de Mandayas +geheel uitgeroeid worden; niet alleen worden zij onophoudelijk door +al hunne buren bestookt, maar ook onder elkander voeren zij een waren +verdelgingsoorlog. + +Dagen lang volgde ik, in noordelijke richting, den loop van de Sahug, +hoewel de vaart op die rivier, tengevolge van de tallooze kronkelingen, +de toenemende ondiepte, en vooral van den snellen stroom en de vele +watervallen en stroomversmallingen, steeds moeilijker werd. Daarbij +hadden wij telkens met geweldige regens te kampen, en werd het +bijna onmogelijk, manschappen te vinden, die mij bij het roeien +behulpzaam wilden zijn en den ondragelijk zwaren arbeid van mijne +weinig talrijke equipage wilden helpen verlichten. Eindelijk werd de +vaart op de rivier, die nu inderdaad niet anders dan een onstuimige +bergstroom was, ten eenemale onmogelijk; mijne deerlijk gehavende +prauwen waren niet langer bruikbaar. Husip, een der voornaamste datos, +wien ik door eenige geschenken gunstig mocht stemmen, bezorgde mij +nu de noodige dragers, die mij naar de rivier de Agusan brachten, +waar ik mij opnieuw inscheepte; den 16 December kwam ik te Surigao, +de hoofdplaats der provincie van gelijken naam. + +Ik word te Surigao allerhartelijkst ontvangen door den gouverneur, +den kolonel don Alberto Raccaj y Milagro, en door den eerwaarden +pater Ramon Luengo, overste der missie, een geestelijke, evenzeer +uitmuntende door zijne uitgebreide degelijke wetenschap, als door +zijn voortreffelijk humeur en karakter. Evenals alle zendelingen, +die ik tot dusver heb ontmoet en die ik nog verder op Mindanao zal +leeren kennen, behoort ook pater Luengo tot de Sociëteit van Jezus, die +voor de uitbreiding van het Evangelie en de bekeering der heidensche +volken zoo ontzaglijk veel gedaan heeft en nog steeds voortgaat te +doen. Bij mijn herhaald verblijf te Surigao, logeer ik steeds bij +den eerwaardigen geestelijke of bij don Carlos Herrera, een spaansch +koopman; bij beiden vind ik hetzelfde hartelijke onthaal, beiden +beijveren zich om mij op alle mogelijke wijze van dienst te zijn. + +Den 20_sten_ December vertrok ik van Surigao, om een bezoek te brengen +aan het meer Maïnit, in het midden van het schiereiland gelegen. Na +dit meer te zijn overgestoken, zak ik de rio Tubay af, waardoor zich +de wateren van het meer ontlasten, en keer langs dien weg naar de kust +terug. In het dorp Tubay aangekomen, voel ik mij zeer onwel; zonder +zelf recht te weten wat ik doe, ga ik in de eerste hut de beste binnen +en strek mij in een hoek op den grond uit; ik heb nog ter nauwernood +de kracht, om Marcello, onder bedreiging van do zwaarste straffen, +te gelasten, eenige steenen heet te laten maken, om mij daardoor +te verwarmen. Het duurde niet lang of ik verloor mijn bewustzijn; +toen ik weer tot mij zelven kwam, werd mijne aandacht getrokken door +een zonderling schouwspel. Bij het schijnsel van eenige bougies, +in mijne bagage gevonden, hadden de cuadrilleros van het dorp en +mijne muchachos een feest aangericht; zij zijn hartstochtelijk aan +het kaartspelen, omringd door een half dozijn inlandsche meisjes, +die zij ik weet niet van waar gehaald hebben, en die, meer dan half +beschonken, de spelers palmwijn laten drinken uit een leeren kroes, +dien zij uit mijn zak moeten hebben gehaald. Denkende dat ik dood of +zoo goed als dood was, hebben mijne manschappen het als hun eerste +plicht beschouwd, om eenige piasters, die zij zoo pas verdiend hadden, +op deze wijze te verbrassen. De toorn geeft mij kracht; een rotting +grijpende, val ik op de spelers aan, die, verschrikt door mijne +onverwachte verschijning, in overhaasting de vlucht nemen en zich +onder luid gejammer de ooren toestoppen, hetgeen bij de Bisayas een +teeken is van den grootsten angst. Uitgeput door deze buitengewone +uitspanning, val ik weder in mijn hoek op den grond, ten prooi aan +ijlende koortsen. Den volgenden morgen is de aanval geweken; muchachos +en cuadrilleros nemen de verlegen, bevreesde houding aan van lieden, +die eene zeer ernstige tuchtiging verwachten. Ik bepaal mij ook nu tot +vreeselijke bedreigingen, die trouwens even weinig baten als slagen; +zoo lang ik in staat ben, de leiding op mij te nemen, kan ik op mijne +manschappen rekenen; ook met gevaar van hun leven, zullen zij zonder +aarzelen mijne bevelen gehoorzamen; verlies ik bij ongeluk mijn +bewustzijn, dan zou de herinnering aan de ondergane straf hen niet +beletten, toch weer de aandrift van hunne zorgelooze natuur te volgen: +zij zijn groote kinderen en moeten als zoodanig worden behandeld. + +1 Januari 1881.--Het nieuwe jaar begint met een allerhevigsten storm; +de koorts en het slechte weer houden mij te Tubay geketend, terwijl +ik in den omtrek zoo veel heb te doen. De _capitan_ van het dorp +verstaat een weinig spaansch, maar is in de hoogste mate dom; evenals +zijne onderhoorigen, schijnt hij altijd te droomen en te suffen; +niet dan met groote moeite kan ik het zoover brengen, dat hij mij +eenige eieren, wat vruchten en tabak bezorgt. Ik betaal voor alles +den tiendubbelen prijs; de capitan behoorde zich dus eenige moeite +te geven en mij de noodige levensmiddelen te verschaffen; maar er +is niets aan te doen: al deze _Manobos conquistados_ zijn behebt met +eene ongeneeslijke traagheid. + +3 Januari.--De wind is gaan liggen; ik kan mij inschepen om naar +Surigao terug te keeren; den volgenden dag stap ik daar aan wal, om +mij aanstonds naar bed te begeven, want de koorts heeft mij op nieuw +aangetast; maar ik bevind mij nu bij pater Luengo, in eene goede, +geheel nieuwe pastorie, waar het mij aan niets ontbreekt; ik kan +niet dankbaar genoeg de oplettendheid en de teedere zorg roemen van +mijn gastheer, van zijn vicaris, den eerwaarden pater Ramon Micart, +en van hun helper, den heer don José Ubach. Deze geestelijken, die +voor zich zelven geene ontberingen ontzien en met het minste tevreden +zijn, weten mij de uitgezochtste spijzen te bezorgen, passende voor +mijne zwakke maag. + +Weldra ben ik dan ook weder op de been, en maak mij gereed om +naar Davao terug te keeren, mijn weg nemende langs de oostkust +van Mindanao. Uit een geografisch oogpunt is deze weg verreweg de +belangrijkste. Men zegt mij wel, dat zulk een tocht in dit jaargetijde +tot de onmogelijkheden behoort; maar ik kan het altijd beproeven en, +als het moet, op mijne schreden terugkeeren. Ik maak dus de noodige +toebereidselen en vind, als steeds, bij alle Spanjaarden die te Surigao +gevestigd zijn, de hartelijkste medewerking. Door tusschenkomst van +den gouverneur, gelukt het mij de beste boot te huren, die er in den +omtrek te krijgen is, bemand met vijf flinke matrozen uit den stam der +Bisayas; bovendien voorziet de gouverneur mij van aanbevelingsbrieven +voor al de _capitanes_ of _gobernadorcillos_ in zijne provincie, +waarin hij hun gelast, mij onverwijld van alles te voorzien, wat ik +mocht noodig hebben. + +Ik verlaat Surigao in den morgen van den 11_den_ Januari, en neem +eene aangename, dankbare herinnering mede aan de weinige dagen, +die ik daar heb doorgebracht. + + +VII + +De oostkust van Mindanao. + + +Dien eigen avond, omstreeks tien uren, wierpen wij het anker uit in +eene kreek, voor het dorpje Placer. Ik zend mijne lieden naar den +wal om daar te overnachten en houd alleen twee muchachos bij mij. + +Toen ik den volgenden morgen wakker werd, bevond ik mij op eenige +kabellengten van de kust en geheel alleen aan boord; gedurende +den nacht hebben de muchachos zich uit de voeten gemaakt en is +de banca losgeraakt. Mijne muchachos waren van Surigao vertrokken +zonder een penning op zak, maar de matrozen hadden nog wat geld, en +overeenkomstig het gebruik bij de Bisayas, hebben allen te zamen dit +geld verdronken. Gelukkig drijft de wind mij naar de kust; ik hijsch +het zeil; na verloop van korten tijd is mijn personeel weer kompleet +en kunnen wij weder vertrekken. + +Ten zuiden van Placer is de kust zeer onvolkomen door eilanden +gedekt; de wind wakkert aan, en de zee gaat hoog; ten elf uren zijn +mijne roeiers uitgeput. Ik acht mij gelukkig dat wij onder den wal +van het eilandje Cabgan, eene halve mijl ten zuiden van Gigaquit, +kunnen ankeren. + +Wij krijgen nu de zoogenaamde _colla_--dat wil zeggen, onophoudelijke +regenbuien vergezeld van hevige windvlagen;--zij duurt twee dagen +achtereen; aan de windzijde kan men zich, op het strand van het +eilandje, niet dan met moeite op de been houden. Den veertienden +begint de wind wat te bedaren; intusschen kom ik tot de onaangename +ontdekking dat mijne bemanning viermaal meer levensmiddelen heeft +verbruikt dan waarop gerekend was, en dat zij het overige hebben +laten bederven. Wij moeten naar Gigaquit gaan om nieuwen voorraad op +te doen. Ondanks de onstuimige zee, gaan mijne manschappen, zonder +een woord te zeggen, aan boord. Ik laat koers zetten naar den mond +van de kleine rio van Gigaquit, ten zuidwesten van Cabgan; de hevige +noordoosten wind, die bijna tot storm is aangewakkerd, drijft ons +met vliegende snelheid door het met ondiepten en banken bezaaide +water naar de kust; op eenigen afstand van de rio worden de golven +grooter en langer, maar de banca glijdt nog zonder moeite over hare +oppervlakte. Mijne roeiers kennende, kom ik op den gelukkigen inval, de +zeilen te doen hijschen. Het water neemt eene aschgrauwe kleur aan; de +golven worden al breeder en steiler: wij bevinden ons op de baar. Eene +reusachtige golf stort zich op de banca, tilt haar als eene voer omhoog +en vloeit dan onder haar weg; de banca drijft nu op een volkomen +kalm en effen water, grijsgeel van kleur. Maar verre, verre achter +ons verheft zich op die grauwe oppervlakte eene reusachtige golf, +loodrecht als een muur en met een breeden rand van schuim gekroond; +zij nadert in vliegende vaart, aanrollende met onwederstaanbaar geweld: +onder dien loodkleurigen hemel, bij dien huilenden wind, een bode des +verderfs.... Na verloop van eenige sekonden heeft zij ons bereikt; +de banca verdwijnt in wolken van warrelend schuim; het woest geklater +en gekraak overstemt het geschreeuw mijner equipage. De banca is +vol water; dat zij boven drijft, is uitsluitend aan den uitlegger te +danken;--maar wij zijn een eind vooruitgekomen,--en mijne manschappen +hebben den tijd, althans gedeeltelijk het water uit te hoozen, eer +eene nieuwe golf komt; dit tooneel herhaalt zich acht- of tienmaal: +een laatste golf werpt ons in de rio van Gigaquit. + +Mijne verschillende instrumenten drijven intusschen, beschadigd en +in hopelooze wanorde, op den bodem van de banca; in drift ontstoken +grijp ik den stuurman bij de keel: "Zeg mij, ellendige _tulisan_ +(roover), hoe durft gij als stuurman dienst te doen, daar ge dit +vaarwater niet kent? + +--_Dispense Usted_, Señor (Met uw verlof, Mijnheer), ik ken de kust +zeer goed. + +--Waarom hebt gij mij dan niet vooruit gewaarschuwd? + +--_Dispense Usted_, Señor, gij zaagt er bij ons vertrek zoo toornig +uit, dat ik geene opmerking durfde maken." + +Aan den oever van de rio staat de pastorie van Gigaquit; juist toen +ik er binnen wilde gaan, nadert een Europeaan, even druipnat als +ik, van den anderen kant: dat is pater Puntas. Met onze doorweekte, +vast aan het lijf klevende kleederen, zien wij er zoo wonderlijk uit, +dat wij ons niet weerhouden kunnen, in lachen uit te barsten. Pater +Estevan Yepes, missionaris van Grigaquit, komt naar buiten, en ontvangt +mij, als trouwens al zijne achtenswaardige collega's, met de meeste +voorkomendheid. De pastorie is ruim; het zinken dak is tegen den +regen bestand; weldra kan ik mijne kleederen, mijne gereedschappen +en instrumenten en ook mijn persoon bij een goed vuur drogen. + +16 Januari.--Het weer wordt steeds slechter; het is onmogelijk zee te +kiezen; geweldige branding en onophoudelijke stormvlagen houden ons +gevangen; en naar het schijnt, is dit het normale weer in dezen tijd +des jaars tot April of Mei! Toch moet ik eene laatste poging wagen, +om mijn tocht naar het zuiden te vervolgen. + +Van een vluchtige beterschap gebruik makende, steken wij, bij eb, +van Gigaquit in zee en komen zonder ongeval over de baar. Nu zetten +wij koers naar de landpunt Tugas; maar ondanks alle inspanning van de +equipage, bijgestaan door de muchachos, komen wij niet vooruit. Deze +prauwen, door sommige reizigers zoo geprezen, zijn metterdaad ellendige +vaartuigen; de uitleggers belemmeren hun gang; de vorm van de kiel +belet het aanbrengen van een deugdelijk roer, in welk gemis zeer +onvolkomen wordt voorzien door een korten wrikriem; en bij eene sterke +branding zijn zij niet meer te vertrouwen, zoodra men niet meer voor +den wind stuurt. Bij de slingerende bewegingen stoot de uitlegger te +loefwaart met kracht tegen de golven, die de banca hebben opgetild, +zoodat de rottingbanden, waarmede hij aan de dwarshouten verbonden +is, beginnen los te laten. Dit is ook nu het geval: Francisco, die +den uitlegger aan bakboordzijde moet gaan vastbinden, wordt door eene +golf medegesleept en verdwijnt in de diepte. Gelukkig konden wij hem +weer opvisschen, toen hij, tien vademen verder, weder boven kwam. + +Na dit ongeval was mijn besluit genomen. Ik geef mijn voornemen om over +zee naar Bislig te gaan op; ik zal daar spoediger komen wanneer ik over +land naar Bunauan ga; daar gekomen, zal ik het gebergte overtrekken, +dat zich tusschen het meer Linao en den Stillen-oceaan verheft. Ik zet +dus weer koers naar Placer, dat wij niet zonder moeite bereiken; de +wind, die eerst gunstig was, wordt te sterk en de zee is onstuimig; +de wind loopt plotseling naar het noorden en scheurt het groote +zeil aan flarden; mijne manschappen weten niet meer wat hun te doen +staat. Op dat oogenblik vliegt eene ontredderde banca pijlsnel langs +ons heen en wordt op de kust van Placer tot splinters geslagen, eer +ik haar een touw heb kunnen toewerpen. Gelukkig kan de bemanning den +vasten wal bereiken. Eindelijk komen wij, des avonds ten zeven uren, +te Taganaan, waar ik weldra, in gezelschap van pater Jaime Plana en +broeder don Pablo Aguilar, de vermoeienissen van dezen dag vergeet. + +Den negentienden Januari kwamen wij te Butuan, Ik vaar de Agusan op: +hetgeen ten gevolge van den sterken was der rivier zeer langzaam +gaat; de nieuwe dorpen van de Manobos conquistados hebben zeer veel +te lijden gehad van de overstroomingen. Op mijn herhaald verzoek om +levensmiddelen, heeft de capitan van Guadelupe geen ander antwoord dan +dit: "Ik sterf van honger". Alle plantages zijn verwoest. Te Amparo is +er gebrek aan menschen, niet minder dan aan levensmiddelen. De hutten +staan ledig; de inwoners hebben alles medegenomen, levensmiddelen en +gereedschappen. Te San-Luis verneem ik, tot mijne verbazing, dat ik +zelf de oorzaak ben van deze vlucht der inlanders. Toen ik op mijne +heenreis de Agusan afzakte, heb ik eenige Manobos, van wie men mij +verzekerde dat zij van het zuiverste bloed waren, gemeten. Deze +operatie, waarvan zij niets begrepen, kwam hun in de hoogste +mate verdacht voor; en hun voormalige dato, die het verlies zijner +vroegere onafhankelijkheid slecht kon verkroppen, heeft hen zonder +moeite overgehaald, met hem naar de bosschen te vluchten. Ook mijne +astronomische waarnemingen hebben het wantrouwen der oeverbewoners +opgewekt, en de Manobos van San-Luis deelen mij openhartig de +reden daarvan mede. "Ziet ge, zeiden zij, dat gaat niet natuurlijk +toe; alleen een toovenaar kan met zulk een wonderlijk instrument +(zij bedoelen mijn sextant) naar de zon kijken. Dit instrument is +betooverd; daardoor ontdekt gij de ligging der hutten, midden in +de dichtste wouden, achter de bergen verborgen; gij teekent die op, +en zult dan met de Castilas terug komen om al de Infieles in hunne +handen over te leveren". + +Het doet mij innig leed, aldus zonder mijn weten den arbeid te hebben +verstoord van de missionarissen, die mij met zooveel hartelijkheid +hebben ontvangen. Toch is het te verwonderen, dat dergelijke desertiën +niet meer voorkomen. De _reduccion_ vernietigt de macht van den dato en +laat hem slechts eene enkele vrouw; zijn gezag als capitan of teniente +is uit den aard der zaak onzeker; de _sacopes_ en de slaven kunnen +eerst na verloop van tijd de voordeelen en weldaden van het nieuwe +regeeringsstelsel leeren waardeeren; hunne aangeboren zorgeloosheid +bekommert zich niet om de onzekerheden en wisselvalligheden aan +het wilde leven in de bosschen verbonden; daarentegen kunnen zij +in geenen deele de noodzakelijkheid inzien, om, in strijd met hunne +aloude gewoonte, voor ieder gezin eene afzonderlijke hut te bouwen, +benevens eene kapel, een tribunaal en dergelijke inrichtingen; de +dato eischte wel van hen, dat zij hem in den oorlog zouden volgen, +maar dat viel geheel in hun smaak, want daarbij was in den regel +eenige buit te behalen. + +Toch zijn de desertiën doorgaans het gevolg van de knevelarijen +der inlandsche inspecteurs of tolken, die in de dorpen der _nuevos +conquistados_ worden aangesteld, om toezicht te houden en hen bekend +te maken met de eerste beginselen der beschaving. De Bisayas nemen die +betrekkingen alleen aan, omdat zij hopen daarvan voordeel te trekken +door de oneerlijkste praktijken. Spekuleerende op de zorgeloosheid +en ijdelheid der nieuw bekeerden, verkoopen zij hun op krediet +kleederen, snuisterijen en allerlei andere zaken, tegen buitensporig +hooge prijzen en voor belangrijke sommen. De _reducidos_, geen kans +ziende ooit hunne schuld af te betalen, maken zich soms uit de voeten; +maar de schuldeischer verliest er niet veel bij: als hij maar iets +op afrekening ontvangen heeft, is hij doorgaans reeds meer dan gedekt. + +Eerst den 27_sten_ Januari kom ik te Bunauan, waar ik de banca, die +ik te Butuan had gehuurd, verwissel tegen twee prauwen. Ik verlaat +nu mijn vroegeren weg en vaar de Simulao op, die sterk gezwollen en +vrij onstuimig is, tot een weinig boven Tudela, een armzalig dorp van +Mandayas, die meer of minder oprechtelijk tot het Christendom zijn +overgegaan. De Simulao is tusschen tamelijk hooge oevers ingesloten, +die eenzaam en verlaten zijn. Het regent maar steeds door; en onder +dien grauwen hemel, maakt Tudela, in de modder verzonken, den treurigen +indruk van een dorp, dat in puin vergaat nog eer het voltooid is. De +inwoners schijnen met verdooving geslagen; de kinderen zelfs, in +de hoeken neergehurkt, met houten sabeltjes spelende, zijn somber en +zwijgend bij hun spel. + +Ik moet echter noodwendig dragers hebben, om over den berg Bucan +te trekken, die mij van Bislig scheidt; daar alle aanbiedingen en +bedreigingen zonder uitwerking blijven, maak ik mij meester van +den capitan van Tudela, zeg hem dat hij mijn gevangene is, dat ik +hem zal medenemen en dat hij nimmer de oevers van de Simulao zal +wederzien. Eerst toen besloot hij, mij twee lichte kano's, drie mannen +en vier kinderen van vijf tot twaalf jaar te bezorgen. + +Den laatsten dag der maand kwamen wij, na over den berg Bucan +(honderd-dertig el hoog) getrokken te zijn, aan de diepe en breede +rio Bislig. Even als alle andere reeden langs deze kust (alleen +de golf van Pujada uitgezonderd), ligt ook die van Bislig naar het +noordoosten open, waardoor zij gedurende den thans heerschenden moesson +onbruikbaar is.--Bislig, eene der oudste nederzettingen van de Bisayas +aan de kust van den Stillen-oceaan, wordt tot Surigao gerekend en +bestuurd door een bataillonschef. Ik begeef mij naar het tribunaal, +waar ik in mijn armoedige bagage een fatsoenlijk kleedingstuk opzoek, +om mijne opwachting te kunnen maken bij den gouverneur. De kommandant, +don Raphael Piquer y Morales, van mijne komst verwittigd, zendt +aanstonds een ploeg cuadrilleros, die al mijne bagage opnemen. Ik +volg hen, en eenige minuten daarna stelt de kommandant mij aan zijne +echtgenoote voor, en zegt mij dat ik bij hem ben gelogeerd. "Eene +weigering zou u niets baten, voegt hij er aan toe: laat ons maar +dadelijk aan tafel gaan." + +Ik breng twee zeer aangename dagen bij mijne gasten door, die alleen +met hun dochtertje in dit dorp, toch niet aan verveling ten prooi zijn +en zich bezigheid hebben weten te verschaffen. De heer en mevrouw +Piquer dringen er op aan, dat ik langer zal blijven; maar ik ben +uitgeput van vermoeienis en ziek; ik gevoel dat het hoog tijd wordt, +mijn tocht door Mindanao ten einde te brengen, omdat anders de krachten +mij zullen gaan begeven. + +Het weer schijnt tot beterschap te neigen; den tweeden Februari +vertrek ik van Bislig in eene groote banca met vijf matrozen, die ik +te danken had aan de vriendelijke tusschenkomst van den kommandant +Piquer. Blijft het weer goed, dan zal het mij misschien mogelijk zijn, +ondanks den mousson, de baai van Pujada te bereiken. De ervaring +leerde evenwel al spoedig dat dit niet doenlijk was. Zoodra de wind +maar even aanwakkerde, werd de zee zoo woelig en ontstond er zulk +eene geweldige branding, dat wij niet voort konden komen. Na drie +dagen tobbens, hadden wij het nog niet verder gebracht dan tot Catel +Nuevo; van daar uitzeilende, werd de zee weder zoo ontstuimig, dat +onze banca met mast en al onder de golven verdween. Ik weet wel, +dat onze visschers langs het Kanaal en de Noordzee, in den winter +meermalen zulk weer trotseeren, maar hunne vaartuigen bouwen vrij +wat beter zee dan de banca's van Mindanao; bovendien is er, noch uit +physiek, noch uit moreel oogpunt, eene vergelijking te maken tusschen +onze visschers en de Bisayas. + +Ik besluit dus, mijne reis over land, langs de kust, te vervolgen, +en zend naar Catel-Viejo om dragers. Catel-Viejo, een oud pueblo +der Bisayas, wordt tegenwoordig door onderworpen en nieuw bekeerde +Mandayas bewoond, wier traagheid en zorgeloosheid niets te wenschen +overlaat. Als zij zien, dat ik mij in ernst boos maak, loopen zij weg, +zoodat wij hen te water en te land moeten najagen. Na bovenmenschelijke +inspanning krijg ik eindelijk vier mannen, benevens twee buffels +voor sleden gespannen, waarmede wij, naar het zeggen der Mandayas, +over het zandige strand zeer goed zullen opschieten. + +Ondanks den onbarmhartigen regen, die op nieuw bij stroomen neervalt, +zou het inderdaad ook goed zijn gegaan, indien de sleden der Mandayas +maar over het zand hadden willen glijden: maar daartoe waren zij +niet te bewegen. Wij moeten dus de bagage van de sleden afnemen en +op de buffels overladen, die daartoe van pakzadels worden voorzien, +op de plaats zelve van lianen vervaardigd. Een dezer dieren, wien +dit prikkelende zadel waarschijnlijk hindert, zet het eensklaps op +een loopen en strooit zijne vracht over het strand. Zijn verschrikte +geleider rent hem na, luid schreeuwende: "_Ayao! ayao!_" Het tooneel is +zoo dwaas, dat ik mij niet boos kan maken. Het is intusschen onmogelijk +verder te gaan, want de duisternis valt en het strand is met drijfhout +bedekt; wij bivouakeeren dus onder den blooten hemel, op een rots, +onder onophoudelijkcn regen, zonder vuur en zonder levensmiddelen. + +Den volgenden dag kwamen wij vrij vroegtijdig te San-Juan, wederom +een dorp van onlangs onderworpen Mandayas; de capitan verhuurt mij +een paard, een armzalig dier, dat mij, hoe vermagerd ik ook ben, +niet dragen kan; bij den eersten kuil, dien wij ontmoeten, struikelt +hij en valt op mij. Ik laat dien rosinant vastbinden aan den staart +van een buffel, die hem met moeite voorttrekt. De regen, die sedert +vier-en-twintig uren zonder ophouden valt, wordt een ware zondvloed: +het is alsof de geheele Stille-oceaan zich in damp heeft opgelost om +vervolgens weer in waterstroomen op ons neer te dalen. Het steile pad, +dat over het voorgebergte Bagoso loopt, is bezaaid met puntige rotsen +en steenen, telkens afgebroken door diepe beken en door breede en diepe +poelen. Ik vraag mij af, hoe onze buffels het wel hier maken moeten, +toen eensklaps een dezer dieren, het beste, neervalt en weigert op te +staan; het stervende dier zinkt elk oogenblik dieper in de modder. Twee +muchachos loopen zoo hard zij kunnen naar den naasten pueblo; de hemel +geve, dat die niet ver verwijderd zij! Inmiddels laat ik den armen +buffel van zijne vracht bevrijden, en tot mijne groote verbazing komt +het dier weer bij; wij trekken hem uit de modder en beladen hem weder, +maar slechts met een deel zijner vracht, want de onophoudelijke regen, +die overal doordringt, heeft het gewicht der bagage verdubbeld. Kort +daarop verschijnen een aantal Bisayas van Quinablangan; ik heb het +gelukkig getroffen: het dorp lag in de nabijheid en mijne muchachos +hebben er een missionaris ontmoet, die, zonder dat hij mij kende, hen +aanstonds terugzond met zooveel manschappen, als waarover hij op dat +oogenblik beschikken kon. De buffels, nu van een deel van hun vracht +ontlast, gaan geregeld voort; wij trekken met spoed door de laatste +ravijnen van den berg, en komen tegen vier uren in den namiddag te +Quinablangan, waar ik persoonlijk mijn dank kan brengen aan pater +Raimundo Peruga, die ons op zoo uitstekende wijze geholpen heeft. + +8 Februari.--Ik heb heden een reisgenoot: pater Peruga gaat, even als +ik, naar Dapnan, een door Bisayas bewoond dorp, waar wij den eerwaarden +pater Quirico Moré aantreffen, dien ik reeds de eer heb gehad te Davao +te ontmoeten. Dapnan is in geweldige opschudding: twee dagen geleden +hebben de Mandayas een aanval gewaagd op enkele huizen van den pueblo; +zij hebben drie der hunnen verloren, maar hebben zes Bisayas vermoord +en verscheidene anderen medegevoerd; het is waar, dat de Bisayas, kort +te voren, op soortgelijke wijze de Mandayas hadden overvallen. Deze +veeten zijn onuitroeibaar, en de eene gewelddaad lokt de andere uit. + +Des avonds komen wij te Baganga, een pueblo die door vijftien-honderd +zoogenaamde oude Christenen (_Christianos viejos_) wordt bewoond, +voor het meerendeel mestiezen van Mandayas en Bisayas. + +Den volgenden morgen neem ik afscheid van de missionarissen, wier +levenstaak hen roept om, te midden van allerlei ontberingen en gevaren, +te blijven arbeiden onder de Bisayas en Infieles, ver van de beschaafde +maatschappij, waarin ik weldra zal terugkeeren. In waarheid, hoe meer +ik deze mannen in hun bij de wereld vergeten en zoo vaak bespotten +en geminachten werkkring leerde kennen, des te hooger sloeg mijne +bewondering voor hun geloof en hunne grenzenlooze toewijding. + +Pater More, die twee dagen te Baganga blijft, leent mij zijn paard, +dat ik hem op de eerstvolgende pleisterplaats zal terugzenden. De tocht +wordt er, voor mijne dragers en mijne muchachos, niet gemakkelijker +op. Het geheele oostelijke gedeelte van Mindanao is bedekt met eene +vrij hooge bergketen, die van het noorden naar het zuiden loopt, +maar talrijke vertakkingen naar het oosten uitzendt, welke meestal +in hooge voorgebergten eindigen. Het gevolg hiervan is, dat de kust +bestaat uit eene opeenvolging van baaien en inhammen, door steile +hoogten gescheiden, waarover een ter nauwernood gebaand pad loopt, dat +door lianen wordt versperd en telkens door beken en poelen afgebroken. + +Ik zal maar niet uitvoerig verhalen, hoe wij van dag tot dag +voortsukkelden langs deze noodlottige onherbergzame kust, die bij +elken voetstap den reiziger nieuwe bezwaren in den weg legt. De regen +hield maar steeds aan, en meermalen moesten wij des nachts onder +den blooten hemel kampeeren. Daar kwam bij, dat mijne dragers nooit +langer dan hoogstens één etmaal bij mij bleven; telkens moest ik dus, +in de ellendige dorpen en gehuchten, die wij ontmoetten, op nieuw +moeite doen om plaatsvervangers te vinden. En had ik eindelijk de +noodige manschappen gevonden, dan kostte het niet minder moeite om +hun te eten te geven; het weinige dat zij medebrachten, was in den +morgen reeds verteerd; kwam ik 's avonds in een dorp, dan gelukte +het mij maar zelden, er een weinig rijst te koopen; doorgaans moeten +wij ons tevreden stellen met bananen en wat pataten. In de maanden, +die op den rijstoogst volgen, heerscht er echter, in dit gedeelte +van het eiland, minder gebrek aan levensmiddelen. + +In den namiddag van den zestienden Februari kwamen wij, met helderen +zonneschijn,--wij waren echter zoo uitgeput dat de warmte ons +hinderlijk was,--te Mati, een door Bisayas en onderworpen Moros bewoond +dorp aan de baai van Pujada. Deze baai, waarvan de zuidoostelijke punt +uitloopt in een hoog, bij uitnemendheid schilderachtig voorgebergte, +vormt een ruime, zeer gunstig gelegen, uitmuntende haven, die, wanneer +eenmaal de beschaving op de oostkust van Mindanao vasten voet zal +hebben gewonnen, van overwegend belang zal zijn en waarschijnlijk +eene schitterende toekomst tegemoet zal gaan. De voortreffelijke +ankerplaats is door de landpunt Taucanan geheel gedekt tegen de +noorden- en noordoosten winden; de ingang van de baai is zonder eenig +gevaar; enkele kleine eilandjes schijnen daar opzettelijk geplaatst +om bakens en vuurtorens te ontvangen. De baai van Pujada is het +aangewezen middelpunt voor de handelsbeweging langs deze kust; maar +er zal waarschijnlijk nog wel een groote veertien dagen verloopen, +eer hier van handel sprake kan zijn. + +Van Bislig tot hier vond ik de kust woest en verlaten, en +menigmalen trokken wij den ganschen dag voort, zonder een spoor +van een menschelijk wezen te ontmoeten, buiten de weinige ellendige +dorpen en gehuchten. De dorpjes der nieuw bekeerde Mandayas zijn ter +nauwernood omringd door eenige armoedige velden, met pataten en rijst +beplant, en als het ware verloren te midden van het dichte woud. De +nederzettingen van zoogenaamde oude Christenen, _Christianos viejos_, +zijn niet beter; overal is de bevolking even traag, verzonken in +lustelooze dofheid en zorgelooze onnadenkendheid. + +17 Februari.--Met een kano vaar ik van Mati naar Puerto Balete (ten +zuidwesten van de baai van Pujada), waar het terrein zich uitmuntend +zou leenen voor den aanleg van dokken en kaaien. Ik ga daar aan land, +om den bergrug over te trekken, die van Surigao tot kaap Sint-Augustijn +evenwijdig met de kust loopt. In haar noordelijk gedeelte heb ik +die bergketen reeds in omgekeerde richting overgetrokken, om van de +oevers van de Simulao de zeekust te bereiken. Hier is de overtocht +gemakkelijker; na over een vrij steile kam te zijn geklauterd, die ten +noordwesten van Puerto Balete oprijst, heeft men slechts een natuurlijk +ravijn te volgen, dat de bergketen doorsnijdt en aan de oostkust van +de golf van Davao uitkomt, te Kuavo, waar twee hutten zijn, maar geen +prauw is te vinden. Een visscher, een _moro_, die naar zijne rancheria +terugkeert, neemt mij met zijne bagage in zijne banca op. Ik zend mijne +dragers weg, en mijne muchachos volgen mij te voet langs het strand. + +De visscher gaat niet verder dan Sumlug; de dato van dat gehucht +zou, geloof ik, waar het op bedrog en schraapzucht aankomt, het van +iedereen winnen: na eindelooze onderhandelingen bezorgt hij mij +eindelijk, tegen een buitensporigen prijs, eene verrotte banca en +twee zieke slaven. + +Zoo, bovendien door tegenwind opgehouden en telkens verplicht stil +te liggen, sukkelden wij voort langs de kust; hier en daar op het +punt van schipbreuk te lijden. + +Den twee-en-twintigsten Februari kwam ik eindelijk te Davao, +waar ik het genoegen had, de meeste vrienden terug te vinden, +die ik den tweeden November had verlaten; hun vriendelijk onthaal +zou mij de doorgestane vermoeienissen spoedig hebben doen vergeten, +wanneer niet de telkens wederkeerende aanvallen van koorts mij er aan +hadden herinnerd. Ik breng hier mijne aanteekeningen en collecties in +orde. Mijne muchachos, die geheel uitgerust en hier goed gevoed zijn, +wenschen te vertrekken; de twee, die ik genoodzaakt ben weg te zenden, +om hen niet geheel aan hunne familie te ontrukken, zijn zeer bedroefd; +maar eene goede gratificatie troost hen spoedig. Zulk een zwervend +leven in het gevolg van een Europeaan staat den Indianen zeer goed +aan; in hun dorp teruggekeerd, zijn zij onuitputtelijk in het verhalen +en verdichten van allerlei avonturen en heldendaden en worden in hun +eigen oogen personages van gewicht. + +13 Maart.--Ik neem afscheid van Davao en ga aan boord van de _Francisco +Reyes_, die den 21 het anker uitwerpt in de haven van Manilla. Ik +blijf daar eene geheele maand, vergeefs op mijne genezing hopende, in +de gastvrije woning van onzen landgenoot, den heer Louis Génu, wiens +hartelijke en zorgvuldige verpleging mij ongetwijfeld de gezondheid +zou hebben teruggegeven, indien de koortsen, met inzinking van +krachten gepaard, op andere wijze waren te genezen dan door terugkeer +naar Europa. + +Voor zoover de koorts mij vrijliet, bracht ik alleraangenaamste +oogenblikken door met den heer Génu, en met onze te Manilla gevestigde +landgenooten, bepaaldelijk met den heer Bréjard, kanselier van het +fransche consulaat, en den heer Aussenac, gewezen kavalerie-officier; +deze heeren, die bijna alle landen der wereld hebben bezocht, wisten +uit den rijken schat hunner ervaring en waarneming zoo belangrijke +mededeelingen te doen, dat ik de met hen doorgebrachte avonden niet +licht vergeten zal. Maar hoe gaarne ik mijne onderzoekingen ook verder +zou hebben uitgestrekt, en hoezeer ik hoopte nog in staat te zijn, +om de Infieles in het noorden van Luçon te leeren kennen, het mocht +niet zijn. De staat mijner gezondheid noodzaakte mij, naar Europa +terug te keeren. + + + + + +Een beknopt overzicht van de groep der Philippijnen zal, ten besluite +van dit reisverhaal, onzen lezers wellicht niet ongevallig zijn. De +Philippijnen vormen de noordoostelijkste eilandengroep van den +Oost-Indischen archipel; zij ligt tusschen de Chineesche-zee en den +Stillen-oceaan, en strekt zich uit van 5° 9' tot 21° noorderbreedte, +en van 117° tot 126° oosterlengte. Het eigenlijke middelpunt der groep +vormt in het noorden het eiland Luçon, aan welks zuidpunt zich drie +reeksen van eilanden aansluiten, waarvan twee in zuidoostelijke en +eene in zuidwestelijke richting. Het voornaamste eiland na Luçon is +Mindanao in het zuiden; voorts verdienen nog afzonderlijke vermelding: +Samar, Masbate, Leyte, Panay, Negros, Cebu, Pajol, die met Mindoro en +een groot aantal kleinere eilanden de zoogenoemde Bisayasgroep vormen; +verder de Calamianes met inbegrip van Palawan; de Babuyanen en de +Baschi of Batanen, ten noorden van Luçon. Men schat het aantal van alle +eilanden te zamen op twaalfhonderd, en de oppervlakte, met inbegrip +van de Soeloe-eilanden, op vijfduizend-driehonderd-acht-en-zestig +vierkante mijlen, waarvan ruim drieduizend vierkante mijlen in het +bezit der Spanjaarden zijn. Ongetwijfeld vormen al deze eilanden te +zamen een soort van hoogland, tusschen welks plateaux zich diepe dalen +slingeren, thans door de wateren der zee bedolven. De meeste eilanden +zijn met bergen en heuvels bedekt, terwijl belangrijke bergketenen +hen van het noorden naar het zuiden doorsnijden; bovendien bevatten +zij een aantal deels nog werkzame, deels uitgedoofde vulkanen, +en zijn daarom vaak aan aardbevingen onderhevig. + +Men onderscheidt drie jaargetijden: vooreerst het droge en koude +jaargetijde, dat in November met den aanvang van den noordoost-moesson +begint; voorts de _sencas_ of het warme saizoen, dat in Maart begint en +in April en Mei onuitstaanbare hitte aanbrengt; eindelijk de regentijd, +die in het zuidwesten van den archipel in Mei en Juni intreedt en +tot September en October duurt, als wanneer het aan de noordelijke +en oostelijke kusten begint te regenen. De zuidwest-moesson begint +regelmatig in Juni; hij duurt tot September en October; het omslaan +van den wind gaat meestal met geweldige stormen en orkanen gepaard. + +De bodem der Philippijnen is bij uitstek vruchtbaar; de eilanden, +die niet alleen uit het planten- maar ook uit het delfstoffenrijk +onuitputtelijke schatten bezitten, welke nog maar voor een gering +deel worden geëxploiteerd, behooren ongetwijfeld tot de schoonste en +vruchtbaarste landen van Azië. Jammer slechts, dat Spanje van deze +kostbare bezitting niet al het voordeel trekt, dat het daarvan zou +kunnen genieten. + + + + + + +End of Project Gutenberg's Een reis naar de Philippijnen, by Joseph Montano + +*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK EEN REIS NAAR DE PHILIPPIJNEN *** + +***** This file should be named 13236-8.txt or 13236-8.zip ***** +This and all associated files of various formats will be found in: + https://www.gutenberg.org/1/3/2/3/13236/ + +Produced by Jeroen Hellingman and the Distributed Proofreaders Team + +Updated editions will replace the previous one--the old editions +will be renamed. + +Creating the works from public domain print editions means that no +one owns a United States copyright in these works, so the Foundation +(and you!) can copy and distribute it in the United States without +permission and without paying copyright royalties. Special rules, +set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to +copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to +protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project +Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you +charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you +do not charge anything for copies of this eBook, complying with the +rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose +such as creation of derivative works, reports, performances and +research. They may be modified and printed and given away--you may do +practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is +subject to the trademark license, especially commercial +redistribution. + + + +*** START: FULL LICENSE *** + +THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE +PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK + +To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free +distribution of electronic works, by using or distributing this work +(or any other work associated in any way with the phrase "Project +Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project +Gutenberg-tm License (available with this file or online at +https://gutenberg.org/license). + + +Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm +electronic works + +1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm +electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to +and accept all the terms of this license and intellectual property +(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all +the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy +all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession. +If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project +Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the +terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or +entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8. + +1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be +used on or associated in any way with an electronic work by people who +agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few +things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works +even without complying with the full terms of this agreement. See +paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project +Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement +and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic +works. See paragraph 1.E below. + +1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation" +or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project +Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the +collection are in the public domain in the United States. If an +individual work is in the public domain in the United States and you are +located in the United States, we do not claim a right to prevent you from +copying, distributing, performing, displaying or creating derivative +works based on the work as long as all references to Project Gutenberg +are removed. Of course, we hope that you will support the Project +Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by +freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of +this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with +the work. You can easily comply with the terms of this agreement by +keeping this work in the same format with its attached full Project +Gutenberg-tm License when you share it without charge with others. + +1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern +what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in +a constant state of change. If you are outside the United States, check +the laws of your country in addition to the terms of this agreement +before downloading, copying, displaying, performing, distributing or +creating derivative works based on this work or any other Project +Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning +the copyright status of any work in any country outside the United +States. + +1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg: + +1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate +access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently +whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the +phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project +Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed, +copied or distributed: + +This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with +almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or +re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included +with this eBook or online at www.gutenberg.org + +1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived +from the public domain (does not contain a notice indicating that it is +posted with permission of the copyright holder), the work can be copied +and distributed to anyone in the United States without paying any fees +or charges. If you are redistributing or providing access to a work +with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the +work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1 +through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the +Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or +1.E.9. + +1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted +with the permission of the copyright holder, your use and distribution +must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional +terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked +to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the +permission of the copyright holder found at the beginning of this work. + +1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm +License terms from this work, or any files containing a part of this +work or any other work associated with Project Gutenberg-tm. + +1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this +electronic work, or any part of this electronic work, without +prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with +active links or immediate access to the full terms of the Project +Gutenberg-tm License. + +1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary, +compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any +word processing or hypertext form. However, if you provide access to or +distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than +"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version +posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org), +you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a +copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon +request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other +form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm +License as specified in paragraph 1.E.1. + +1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying, +performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works +unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9. + +1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing +access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided +that + +- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from + the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method + you already use to calculate your applicable taxes. The fee is + owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he + has agreed to donate royalties under this paragraph to the + Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments + must be paid within 60 days following each date on which you + prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax + returns. Royalty payments should be clearly marked as such and + sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the + address specified in Section 4, "Information about donations to + the Project Gutenberg Literary Archive Foundation." + +- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies + you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he + does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm + License. You must require such a user to return or + destroy all copies of the works possessed in a physical medium + and discontinue all use of and all access to other copies of + Project Gutenberg-tm works. + +- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any + money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the + electronic work is discovered and reported to you within 90 days + of receipt of the work. + +- You comply with all other terms of this agreement for free + distribution of Project Gutenberg-tm works. + +1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm +electronic work or group of works on different terms than are set +forth in this agreement, you must obtain permission in writing from +both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael +Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the +Foundation as set forth in Section 3 below. + +1.F. + +1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable +effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread +public domain works in creating the Project Gutenberg-tm +collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic +works, and the medium on which they may be stored, may contain +"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or +corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual +property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a +computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by +your equipment. + +1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right +of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project +Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project +Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all +liability to you for damages, costs and expenses, including legal +fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT +LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE +PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE +TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE +LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR +INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH +DAMAGE. + +1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a +defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can +receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a +written explanation to the person you received the work from. If you +received the work on a physical medium, you must return the medium with +your written explanation. The person or entity that provided you with +the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a +refund. If you received the work electronically, the person or entity +providing it to you may choose to give you a second opportunity to +receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy +is also defective, you may demand a refund in writing without further +opportunities to fix the problem. + +1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth +in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS' WITH NO OTHER +WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO +WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE. + +1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied +warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages. +If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the +law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be +interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by +the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any +provision of this agreement shall not void the remaining provisions. + +1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the +trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone +providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance +with this agreement, and any volunteers associated with the production, +promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works, +harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees, +that arise directly or indirectly from any of the following which you do +or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm +work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any +Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause. + + +Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm + +Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of +electronic works in formats readable by the widest variety of computers +including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists +because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from +people in all walks of life. + +Volunteers and financial support to provide volunteers with the +assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's +goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will +remain freely available for generations to come. In 2001, the Project +Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure +and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations. +To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation +and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4 +and the Foundation web page at https://www.pglaf.org. + + +Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive +Foundation + +The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit +501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the +state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal +Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification +number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at +https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent +permitted by U.S. federal laws and your state's laws. + +The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S. +Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered +throughout numerous locations. Its business office is located at +809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email +business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact +information can be found at the Foundation's web site and official +page at https://pglaf.org + +For additional contact information: + Dr. Gregory B. Newby + Chief Executive and Director + gbnewby@pglaf.org + + +Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg +Literary Archive Foundation + +Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide +spread public support and donations to carry out its mission of +increasing the number of public domain and licensed works that can be +freely distributed in machine readable form accessible by the widest +array of equipment including outdated equipment. Many small donations +($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt +status with the IRS. + +The Foundation is committed to complying with the laws regulating +charities and charitable donations in all 50 states of the United +States. Compliance requirements are not uniform and it takes a +considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up +with these requirements. We do not solicit donations in locations +where we have not received written confirmation of compliance. To +SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any +particular state visit https://pglaf.org + +While we cannot and do not solicit contributions from states where we +have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition +against accepting unsolicited donations from donors in such states who +approach us with offers to donate. + +International donations are gratefully accepted, but we cannot make +any statements concerning tax treatment of donations received from +outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff. + +Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation +methods and addresses. Donations are accepted in a number of other +ways including including checks, online payments and credit card +donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate + + +Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic +works. + +Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm +concept of a library of electronic works that could be freely shared +with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project +Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support. + + +Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed +editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S. +unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily +keep eBooks in compliance with any particular paper edition. + + +Most people start at our Web site which has the main PG search facility: + + https://www.gutenberg.org + +This Web site includes information about Project Gutenberg-tm, +including how to make donations to the Project Gutenberg Literary +Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to +subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks. |
