summaryrefslogtreecommitdiff
diff options
context:
space:
mode:
-rw-r--r--.gitattributes3
-rw-r--r--11884-0.txt955
-rw-r--r--11884-h/11884-h.htm1155
-rw-r--r--LICENSE.txt11
-rw-r--r--README.md2
-rw-r--r--old/11884-8.txt1379
-rw-r--r--old/11884-8.zipbin0 -> 32778 bytes
-rw-r--r--old/11884-h.zipbin0 -> 34334 bytes
-rw-r--r--old/11884-h/11884-h.htm1608
-rw-r--r--old/11884.txt1379
-rw-r--r--old/11884.zipbin0 -> 32724 bytes
11 files changed, 6492 insertions, 0 deletions
diff --git a/.gitattributes b/.gitattributes
new file mode 100644
index 0000000..6833f05
--- /dev/null
+++ b/.gitattributes
@@ -0,0 +1,3 @@
+* text=auto
+*.txt text
+*.md text
diff --git a/11884-0.txt b/11884-0.txt
new file mode 100644
index 0000000..a4f183f
--- /dev/null
+++ b/11884-0.txt
@@ -0,0 +1,955 @@
+*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 11884 ***
+
+AENMERKINGE {Pag. 1}
+
+Op de Missive
+
+VAN
+
+PARNAS,
+
+Van den 22. January 1685.
+
+GETEKENT
+
+HUGO de GROOT.
+
+ {Pag. 2}
+
+ {Pag. 3}
+
+
+
+AENMERKINGE
+
+Op de Missive van
+
+PARNAS
+
+
+Na dat de Griecksche Parnas, door de Turckschen mogentheyd verscheyde
+eeuwen verwoest gelegen hadde, ende daerom nu niet meer en wierde
+gefrequenteert, soo heeft Boccalyn eenen anderen in Italien weten te
+vinden, dan die gansch van ene andere natuer ende operatie was, als wel
+de Griecksche te voren ware geweest. Want de gene die op de eerste
+verkeerden, wierden beschenen met allerley klaerheydt, soo dat de
+duysterheyd van haer verstant quam te verdwynen, en aengedaen wierden
+met veelerley kennisse, soo dat sy verborgene dingen, oock selfs
+toekomende, wisten te openbaren. Maer die op den Boccalynsche Bergh
+quamen te verschijnen, bevind men nergens anders in uyt te steecken, als
+in alle soort van busche scherpsinnigheyt, hebbende tongen der Slangen
+niet ongelijck; ende sy selve van nature als de boose Muyl-Esels, die
+van vooren byten, van achteren schoppen, niemand sparende, als die sy
+niet en konnen bereyken. Op dese inventie hoewel Boccalyn seer praelde,
+soo is het evenwel daer mede soo uytgevallen, dat hy geluckigh souw
+geweest hebben, by aldiense hem niet dierder had komen te staen, als den
+hond, soomen seyt, de worst doet. Waerom dan oock niemand naderhand lust
+gehad heeft, om de naem te verkrygen, van diergelijcke Contrey ontdeckt
+ofte gevonden te hebben. Maer evenwel gelijck de natuer veele
+veranderingen uytwerckt, doende effene Landen tot Bergen oprijsen, ende
+Steden in den Afgrond versincken, soo is het mede gebeurt, dat in
+Hollant ontrent het Ye, de daryachtige gronden soo sijn opgegist, dat se
+dreygen den Boccalynschen Berg te sullen overtreffen. Ende, soo men
+seyt, souw Apolio mede daer alrede aengekomen sijn, ende in die lucht
+behagen genomen hebben, na dat hem de Grieksche Laurieren hebben {Pag 4}
+beginnen te stincken. Dat ook na sijne komst aldaer mede waren
+verschenen _Cicero, Cato, ende alle de gene die sich ooyt met
+Staetssaecken hebben bemoeyt_, als _Hogerbeets, Renyl, Ledenbergh_ ende
+ook _Barnevelt_, maer die gelijk als Sint Denijns, sijn hooft in bey
+sijne armen droegh, welcken Denijs hy ook schimperlijk verweet, dat
+deselve sijn hooft maer twee mylen ver had konnen dragen, daer hij het
+sijne uyt den Haegh tot op den top van den Amstelschen Parnas hadde
+gedragen. Benevens dese is daer mede verschenen den welbekende Keiser
+Iustinianus, dragende nu niet de Kroon van het Grieksche Rijk, maer een
+Amstels jok van bockenhout, dat hem nieuwlix op geleyt sijnde, de
+schouderen hadt deurgeschuert, alsoo 't hem gansch niet paste. Gelijk
+men dan ook seyt, dat daer versch aengekomen was de Burgemeester _van
+den Broek_, die wondre nieuw maren uyt Holland medebraght, waer over
+verscheyde van die Parnasbroeders ook haer sentiment seyden, waerd
+altemael om vanden vermaerden Hugo de Groot beschreven te werden. Daer
+waren voor desen wel aengekomen Socinus, Arminius, Vorstius, Spinosa,
+met haersgelijken, maer dewijl dit hare rol niet en was, soo en sijn sy
+op dit Theater ook niet verschenen, maer sijn van ver blyven staen om
+het spel aen te sien. Waer van principael Acteur was de voorschreve Heer
+Burgemeester van den Broek, refererende _'t gene eenigen tijd soo tot
+Dordrecht, als inde Vergaderinge vande Staten van Holland ende
+West-Vriesland op het subject vande nominatie der goede luyden vanden
+Achten der voorschreve Stadt, ende het herdoen van de selve voorgevallen
+was_. Als mede op _wat wijse de Heeren Commissarissen van den Hove van
+Holland haer in dese saken hebben gedragen_. Het welk sekerlik met
+groote verwonderinge moet aengehoort geweest sijn, principael indien die
+Burgemeester daer by geseyt heeft, gelijk het de waerheyd is, dat hy van
+die tydt of, en misschien eerder, van die swakheyt van lichaem niet
+alleen, maer ook van herssenen is geweest, dat hy de Commissarissen door
+sigh selven niet en heeft konnen antwoorden, maer heeft het laten doen
+door andre, die hy tot dien eynde in sijn huys ontboden hadde. Soo dat
+hey selfs naeulyx wetende watter in sijn eygen huys omme gingh, veel min
+geweten heeft watter op het Raedthuys of in der Staten Vergaderinge
+geschiede. Alsoo hy in die tydt die de bequaemheyt niet en had, om
+buyten sijn huys te konnen gaen of ryden. Soo dat ick presumere, dat hy
+gesuysebolt, of gedroomt sal hebben, als hy dit verhael sal {Pag 5}
+hebben gedaen, ende grovelik dienvolgende gemist. Het welk van dien
+ouwen hals niet vreemd en was, alsoo ik sie dat sulx de andre
+Parnasbroeders ook wel overkomt, ende ik uyt den brief van de Heer de
+Groot lees, dat sy luyden _den Primier van de Heeren Commissarissen,_
+die tot Dordrecht sijn geweest, _daer_ by henluyden, _al eenigen tijd te
+gemoet hebben gesien._ Want hebben sy hem al eenigen tijd te gemoet
+gesien, soo hebben sy ook al eenigen tydt gedroomt ende gedoolt, soo wel
+als den nieuw aengekomen Burgemeester, dewijl by hier nu noch sit, ende
+onseeker is wanneer hy hier van daen vertrekt. Soo datmen niet en hoeft
+te denken dat dese Parnasgasten sijn _tanquam abqui Semides & adoptiva
+quadam numina,_ als die ook hare misslagen hebben. Gelijk het selve noch
+nader daer uyt blijkt, dat sy hem als noch sitten en waghten. Want light
+en komt hy noyt op sulk eenen Parnas, daer sigh luyden onthouden die
+schrijven en dryven, _Spiritum Antichristi magis regnare ad lacum
+Lemannum, quam ad Tybrim._ Alsoo hy soodanige positien exerceert. En
+voorsichtiger souden sy doen dat sy de deuren in tyds toesloten, op dat,
+al quam hy kloppen, niet in gelaten en wierde, ten eynde over soodanige
+poincten, als hier vooren, of diergelijke, gene onrust op den Parnas en
+wierde verwekt. Want hoewel hy flexibel is, soo dat men hem souw om de
+vinger windeen, soo en is hem echter niet nieuw een Kamphaen in de kam
+te byten, schoon dat se al vry wat langh gebeckt sijn. Soo dat my daer
+uyt schijnt, dat die luyden, daer op dien Parnas, de beste positie niet
+en houden, voor hoe groten politicum men den Heer de Groot, die het rad
+daer draeyt, ook wil houwen. Want hoewel hy te houwen is voor een man
+vande uytstekenste geleertheyt, soo en belet dit niet, dat men sonwijlen
+sich vergist. Ende valt somwylen al eens voor, dat het spreekwoord
+bewaerheyt wert. _Magna ingemia, magni errores_. Soo dat oock de
+Monicken hebben weten te seggen: _Clericus edoctus non est semper sale
+coctus_. Tot eene preuve van dien sal ik voor eerst maer seggen, dat als
+een persoon van de eminentste qualiteyt in dese staet hem een gunstig
+oogh had toegeworpen, soo quam hy in den jare 1632 driftig herwaerts
+aengeloopen, verhoopende, dat hy nevens d'andre ouwe Santen, weder op
+het Autaer souw werden geset. Maer alsler ordre quam van de Heeren
+Staten van Ho'land, dat hy uyt den Lande sou hebben te vertrecken, soo
+gingh hy heendruypen, als een hond, die sijne staert verlooren heeft.
+Hier nevens sal ik noch voegen, dat als hy de Babylonische Hoer van hare
+voorname quetsure ende hooftwonde, die de eerste Reformateurs haer {Pag. 6}
+hebben gelastigeert, heeft willen cureren, wat heeft hy daer deur
+anders uytgeright, als datter is geëxciteert het _Classicum belli
+Sacri_, ende dat hy geprocureert heeft sijne eyge disgracie in het Hof
+van Sweden, daer hy doen een Minister af was. Soo dat hy daer van daen
+vertreckende, sich begeven heeft na Rostock, daer hy is overleden. Meer
+en sal ik voor deestydt van Hem niet seggen, alsoo dit genoeg is om aen
+te wysen, dat groote luyden ook hare misslagen hebben, en daerom geen
+wonder en is, indien hy het in desen Brief soo heel fix niet en heeft.
+Want niet seer ver van het begin komt de goede Keyser Justinianus, soo
+hy seyt, te voorschijn, _met de tranen in de ogen, klagende, dat sijne
+Wetten soo weynigh voldaen wierden_ by het Hof van Holland. Ende dat
+bestaet hier in, als men in den selven asem seyt, dat het selve sich
+aenmatight _van toesicht te dragen, Ne Provincia abundat malis
+hominibus_. Waer in of Justinianus of Grotius eenighsincs missen, want
+soo en luyden de woorden niet in den originelen text. Hoewelle van den
+sin niet t'eenemael en devieren. Ende nochtans schreyt die goede man
+daer over. Wat magh hem daer toe bewegen? Dit namentelik, dat de
+Hollanders soo dom en bot waren, dat sy _syne Wetten verkeerde
+applicatien ende beduydingen aen wreven_; willende doen het gene sijne
+Præsides in voorgaende tyden hebben gedaen, uyt misduydinge van woorden;
+even of _Præsides Provinciarum met die van President en Raden_ een en
+deselve waren. Maer voor eerst sal ik hier op seggen, dat die het Hof
+determineert binnen de palen van Præsident en Raden, het selve
+verongelijkt, daer van afscheurende het eerste ende principaelste lid,
+namentlik den Stadhouwer, de luyster en voorname eer van dat Collegie.
+Soo dat de Heer de Groot hier sich selfs vergist, als hebbende te voren
+self geschreven, daer hy handelt van de gene die in het Hof sitten;
+_Horum caput est ipse Præfectus Hollandæ_. Daer naer sal ik vragen,
+indien de Præses Provinciæ een goed werk doed, _conquirendo nefarios, &
+curando ut malis hominibus careat provincia_, hoe kan dat quaet sijn als
+dat selve by het Hof werd gedaen? Hoe heeft het Hof dien Keiser sijne
+pap soo qualik gebotert, dat'et soo qualik by hem te Hove staet? Immers
+soo ruym als de Præsides Provinciarum de Souvereyniteyt aen den Keyser
+gelaten hebben, soo ruym laet het Hof deselve aen de Heeren Staten van
+Holland. Dan hoewel dit soo is, soo pecceert'et niet alleen daer in dat
+het wil procureren, _ut malis hominibus careat provincia_, maer ook
+voornementlik daer in dat'et _de Steden van Holland onder hare {Pag 7}
+vrede of vooghdye wil nemen_. Dan indien men die woorden soo meent en
+neemt, als die seggen, soo is het eene vuyle calumnie. Want waer heeft
+het Hof, ofte yemand die niet dul en uytsinnigh is, geseyt: _us pupillus
+nihil facere potest sine auctoritate tutoris_, alsoo ook niet de Steden
+van Holland sonder overstaen van het Hof? Maer wil men het eene gesond
+verstand geven, en daer deur verstaen, in sijn recht en gerechtigheyt
+maintineren; ook helpen en succurreren, daer men te kort souw schieten,
+om uyt te voeren het gene betaemt gedaen te sijn; soo kan 't toegestaen
+werden, ende sulx en wil het Hof niet alleen doen, maer is ook gehouwen
+te doen. Want wat isser bekender alsdat het Hof d'eene Stadt tegen de
+andere in sijne gerechtigheydt maintineert? Gelijk sulx in veele ende
+verscheyden exempelen te sien is. Ook Grotius selve, sprekende van het
+Hof, seyt: _Ipsa quoque urbium controversia, abeque magna mementi hic
+disceptantur_. Ende voorts, en is het niet in verscher memorie, dat als
+die van Delft onmachtigh waren om in hare Stadt behoorlicke Justitie te
+administreren, het Hof op haer versoek, haer de behulpsame hand heeft
+geboden, ende door den Fiscael eenen Minne uyt hare Stadt doen halen,
+die by het Hof met den Swaerde is geexecuteert? Ende indien men die of
+diergelijke tutele den Hove wil toeschrijven, dat en sal 't niet
+refugieren toe te staen, hoewel 't noyt selve in sulke termen heeft
+gesproken, noch ook van meninge is te spreken, om gene verdere
+lasteringen op den hals te halen. Gelijk dan ook noyt 't selve geseyt en
+heeft, dat het is Præses provintiæ, versien met eene egale maght, als in
+oude tyden de Præsides inde overwonnen Provintien hadden. Want in
+sommige delen heeft het Hof minder, in sommige weerom meerder. Als daer
+in meerder, dat'et recht doet tusschen en over Steden, selfs sitplaets
+hebbende in de Staten van Holland: daer ter contratie de præsides
+provinciarum sulx niet en hadden, maer gereserveert was tot het oordeel
+van de Keiser. Waer van veele exempelen bij de munimenten van de ouwe
+Schryvers te vinden sijn.
+
+Maer om eens op te halen, waer van daen dese Parnas-bende de occasie
+genomen heeft, het Hof aen te wryven dese calumnie, van sich te
+qualificeren Præsidem provinciæ, soo is het inder daed soo, dat Mr.
+Willem Stoop, Schout van Dordrecht, schriftelik dolerende over sijne
+suspensie, by het Hof gedaen, poseerde twee saken, van welke het eene
+was, dat hem by den Hove ware gelast, op de Articulen hem {Pag 8}
+voorgehouwen werdende, soo te antwoorden, als hy met de Ede sou konnen
+verklaren. Het tweede, dat hy niet en wist, wie voor het Hof syne
+beschuldigers of aenklagers ware geweest. Waer op by Commissarisen
+vanden Hove is geantwoord, dat het eerste eene loutere onwaerheyd was,
+ende sodanige eene onwaerheyd, die genoeghsaem sich selven refuteerde.
+Want dat het eene seer bekende sake was, dat niemand wierde gelast onder
+Ede te verklaren, die tot sijnen eygen laste wierde gehoort. Soo dat hy
+een Rechtsgeleerde ende Officier sijnde men niet ken denken sodanigen
+saek te _ignoreren_, ende te vergeefs men dieshalven sou gesoght hebben
+hem met eene Blaes met bonen vervaert te maken. Op het twede is by
+gemelte Commissarisen geantwoord dat het niet nieuw en is, dat jemand
+sonder aanklager ofte beschuldiger wierde gecondemneert. Ende dat daer
+in tot een exempel kon dienen _Claudius Gorgus, quicum esset vir
+Clarissinius, nemine accusante, lenocinii damnatus est a Divo Severo._
+Waar van wy den text hebben in _l. 2. §. 6. de aduls_. Daer is by
+gevoeght, dat tot deselve wijs van Procederen behoort, het gene wy in
+jure hebben geordineert de Præsidibus, _curare nempe eos debere, ut
+malis hominibus provincia careat, eosque conquirant_. Waer van de text
+is in _l. 13. ff. de officio prasidis_. Waer mede over een komt het gene
+dat 'er staet in _l. 4 § 2. ff peculat. Mandatis cavetur, ut Prefides
+Sacrileges, latrones, plagiarios conquirant, & ut quisque deliquerit,
+in eum animadvertant._ Illis enim qui conquirere tenentur, non est
+expectandus accusator. Cesiantes enim in inquirendo mandata Principum
+transgediuntur, & in animadversionem eorum incurrunt. Indien men nu hier
+uyt magh besluyten, dat'et Hof is de Keyser Severus, soo magh men oock
+wel daer uyt besluyten, dat het Hof is Præses provinciæ, ende dat
+Holland als eene geconquesteerde Provincie aen het selve onderworpen is.
+Maer soo het eerste niet geseyt of geconcludeert en kan werden, als by
+geprosesside Sottebollen, alsoo ook niet het twede. Wie heeft oyt dus
+geargumenteert, soo heeft de Keyser geprocedeert, ende soo heeft
+geprocedeert de Præses, ende soo oock procedeert het Hof, ergo soo is
+het Hof de Keyser, of het Hof is de Præses. Maer seer wel, soo heeft de
+Keyser geprocedeert, en soo heeft geprocedeert de Præses, ergo en is het
+niet nieuws dat het Hof mede soo procedeert, mits evenwel blyvende yder
+in de palen van sijne Jurisdictie. Gelijck het Hof in dese saeck van Mr.
+Willem Stoop heeft gedaen, obseiverende daer in hetgene Keyser Carel
+tot tweemalen heeft geordineert eerst in de Instructie van den {Pag 9}
+Hove geëmaneert in den jare 1521, ende daer na inden jare 1531. Daer wel
+uytdruckelick staet: _De Stadthouwer Præsident en Raden sullen
+naerstelick monsteren, om te vernemen de abusen ende delicten vande
+Bailluwen, ende andre Officiers, ende deselve gehoort sijnde te
+corrigeren, na exigentie van saken. Alwaer wel uytdruckelick
+gedefinieert is wie dat inquireren en corrigeren sullen, namentelick de
+Stadthouwer Præsident en Raden, sonder de minste mentie van Fiscael,
+Aenklager ofte Beschuldiger. Daer na de last, _sullen inquireren_, ende
+oock; _naerstelick_ sonder dissimulatie. Ten derden, de ordre die
+geobserveert moet werden. Als eerst, _inquireren_; ten tweden, _hooren_,
+ten derden _corrigeren_, sonder de minste mentie te maken van Proces,
+het sy ordinaris of extraordinaris. Het welcke dewyl men siet dat dit
+klemt, soo souw men garen de gantsche Instructie, als een ouwt kleed dat
+afgesleten is t'eenemael verwerpen, alsoo Keyser Carel selve sou seggen,
+_dat by sich niet en kon inbeelden dat dit alles nu langer geobserveert
+wierde, dewyl nu de Souvereyn altijd tegenwoordig is_. Maer hoe sober
+dese solutie is kan licht daer uyt afgenomen werden, dat op den eersten
+rechtdagh van 't jaer de Instructie van den selven Keyser werd
+vernieuwt, ende by de Suppoosten wederom besworen. Gelijck dan de Heer
+de Groot in sijne tijden het selve verscheyde malen heeft gedaen: welcke
+eer de Wetten van Justinianus noyt hier te Lande hebben gehad. Ende of
+niet het voorengemelde Articul in volkomen observantie is geweest binnen
+den tijd van dertigh veertigh en meer jaren, souwen de exempelen van
+veel Schouten en Bailluwen konnen aenwijsen, indien 't niet te langwylig
+en ware. Ik sal verder vragen, als Heer de Groot heeft voorgenomen te
+handelen en aen te wysen, _Qua in bello fuerit, post bellum sit
+Batavorum respublica_, of hy niet wel en had behoren aen te wijsen dat
+dese Instructie was geabollert en in ongebruyck geraakt? Maer
+mentioneert hy daer wel een woord van? Ja en seyt hy niet ter contrarie;
+_Ordines eandum semper non rempublicum modo, sed & reipublica faciem
+retinuerunt_? Waer komt dan dese abolitie van de Instructie ende
+vernietinge van daen, als dat die onder hare cramery in hare mersch niet
+en past? Alia tempora, alii mores: te voren sprack men van ordre,
+reglementen, van eenigheyd, nu roept men allesints met luyder kelen niet
+anders als van liberteyt en vryheydt, soodanigh dat men tusschen die en
+ongebondenheyd geene onderscheyten maekt. Wat my belanght, ick {Pag 10}
+ben in vreedsamige tyden, ende oock in een vry Land gebooren. Ende
+gelijck ick hoop in vreedsamige tyden, alsoo hoop ick oock in een vry
+Land te sullen sterven. Soo ver oock, dat ick van die hope ben, dat noch
+ick, noch mijne kinderen, sal ofte sullen behoeve te sien, dat'er een
+Hollandsch Romen sal opstaen, daer de andre leden onder souwen moeten
+suchten. Sed ut sub specie boni & qui perniciose quandoque erratur, ita
+sub specie libertatis saepe saevissima servitutis iniiciuntur vincula.
+Waer van om ândre voorby te gaen, de Monicken ons exempelen genoeg
+geven, die groote liberteyt belovende, jonge of onervarene luyden uyt de
+gehoorsaemheid van ouwers of voogden trecken, ende in een eeuwige
+slavernye van het Klooster leven daer naer verdrucken, daerse van ouwers
+of Magistraet noyt uyt gereddert en konnen werden. Ende siet eens of
+hier niet na en sweemt het doen van de gene die nu tot Dordrecht het
+Oppergesagh hebben. Die quansuys de Borgers willen schijnen vry te
+maeken van het oppergesagh van Stadhouwer Praesident en Raden, maer
+alleen om dat sy alleen souwen mogen na haer believen heerschen, d'andre
+van hoger hand met alle gene hulp en hadden te verwachten. Want al dit
+gewoel, waerom men het Land in roeren stelt, en is niet om de arme en
+onnosele Burgers in meerder vryheyd te stellen, maer op dat de geene,
+die nu het meesterschap menen in handen te hebben, inde Schaepskoy wat
+vryer en ruymer souwen mogen domineren, ende hare schotels met het vet,
+ende hare lendenen met de wol wat rijckelijcker te konnen versien. Ende
+om dat'er sijn die haer selven niet garen tot eene proy souwen
+overgeven, daerom heft men sulck een geschreeu op, daerom heeft het Hof,
+dat haer inde weegh is, de lever gegeten: daerom werpe men sulck een
+gesnater uyt: _Dat'er geen reguard meer genomen en werd, of de Rechter
+en aengeklaeghde malkander te nabestaan, ende de Berichter partye, ende
+partye Berichter was: dat het axiame Extraterritorium, aut sine
+auctoritate jus dicenti impune non paretur: dat, Deliberante principe
+nihil esse innovandum, wierden met de voet getreden._ Maer om de
+waerheyde te seggen, veel geschreeus en weynigh wol. Want hoe kan men
+met eenige waerschijnlickheyd seegen, dat in al het Dortsche werck de
+Aenklager ende Rechter malkanderen te na hebben bestaen, daer het notoir
+is dat geen recht by 't Hof en is gedaen, als alleen inde saek van den
+Schout, en welke nochtans, als te voren is geseyt, gene aenklager en is
+geweest. Wat men nu met het woord _Berichter_ wil verstaen, {Pag. 11}
+is my onbekent, dewijl sulx in de Neerlandsche styl van procederen niet
+en is bekent, gelijck ik mede niet en weet, dat in de Roomsche
+rechtspleginge yet diergelyx bekent is geweest. Maer dat kan ick seggen,
+dat by aldien yemand in het Hof souw hebben gesustineert duplicem
+personam, van welcke d'eene tegens d'andre streed, dat sulx singulierlik
+souw sijn gestraft geweest. Ende sulx die dat seyt sonder nader bewys
+een Calumniateur is. Dat geseyt werd _Extra territorium jus dicenti
+impune non paretur_, hoe kan dit hier plaets hebben, daer het Hof in
+dese saek van Stoop recht gedaen heeft hier in den Haegh, inde ordinaris
+residentie plaets, van over eenige honderd jaren daer voor bekent.
+Immers soo inept is het dat men seyt _sine auctoritate jus dicenti_.
+Want wien is eene Officier ratione officii anders onderworpen, als den
+Hove van Holland, wat men nu ten laetsten daer by voeght, _Deliberante
+principe nihil esse innovandum_, dat komt hier in 't minste niet te pas,
+dewyl 't van het eerste begin dat die van Dordrecht dese saek voor de
+Heeren Staten hebben gebraght, gedecideert is. Want syluyden
+versoeckende, dat het Hof geordineert sou werden stil te staen, soo en
+is 't selve versoeck niet ingewillight. Ende naderhand, het selve
+versoeck geitereert sijnde, is bij de voorgaende Resolutie
+gepersisteert. Ende vervolgens is verstaen, si non expresse, saltem
+tacite, dat het Hof souw mogen voortgaen. Het welke die van Dordrecht
+daer na, maer te laet merkende, dat het hen obsteerde hebben versocht,
+dat die notulen uyt de Resolutien van de gemelde Heeren Staten souwen
+mogen werden gelight. Het welk hen, te laet opsijnde, geweygert is. Soo
+dat daer uyt blijkt, dat hoewel op de saek ten principalen nader
+deliberatien souwen mogen komen te vallen, dat evenwel die by de Heeren
+Staten is gedetermineert, voor soo veel als de surchance ofte voortgangh
+der proceduyren van 't Hof aengaet. Daerom, soulageert vry de Dordsche
+vriendetjes, et dot _Deliberante_, het sal haer immers soo wel helpen,
+als een papje na de dood.
+
+Dese gedreyghde surchance dan uyt de weegh sijnde, isser te recht verder
+voortgegaen met informeren, tot dat van de klachten consterende, de
+eerste nominatie is gerejecteert, tot groot milcontentement van dese
+Parnas bende, dewelcke sustineert, dat sijne Hoogheydt het recht niet en
+heeft om in die saek te informeren, veel min om die nomenatie te niet te
+doen, voornamentlick voor en al eer men partyen daer op hadde gehoort.
+Soo dat men nu in alle Vierscharen wel moght uitwissen, de seer {Pag 12}
+bekende spreuke, _Aude & alteram partem_. Het welke, hoewel het in haer
+selven sijn poincten van gene seer diepe speculatie, soo maektmen
+nochtans daer seer groot bohey van, soo dat die niet verby gegaen en
+konnen werden. Om dan daer af yet te seggen, soo sal ik præmitteren,
+sijne Hoogheyd van den ophef van dese saek niet van meninge te sijn
+geweest, eenige proceduyren aen te vangen, ende dat hy sulx ook aen de
+Commissarisen heeft verklaert, als hy hen de Articulen, in welke de
+beswaernissen begrepen stonden, terhanden stelde. Het welke ook
+Commissarisen ter Vergaderinge hebben bekent gemaekt, wel expresselik
+daer by voegende, dat de meninge niet en was van sijne Hoogheydt of van
+den Hove, om civilic ofte criminelik te ageren, maer datmen alleen
+verseerde in een naekt ondersoek van waerheydt, op dat sijne Hoogheyt de
+klaghten, by eenige Burgers van Dordrecht gedaen, niet lightvaerdigh
+souw verwerpen, of ook de nominatie door sijne electie sou komen te
+approberen, indiense misschien informeel moghte sijn. Soo dat hier de
+questie is, of soo een bloot ondersoek van waerheydt daer gene
+rechtspleginge op en staet te volgen, sijne Hoogheydt heeft mogen doen
+of niet. Eer ik hier yet op segge, soo sal ik præmitteren, dat gelijk de
+nominatie de Dekenen toekomt, van de Mannen van achten, dat alsoo mede
+aen sijne Hoogheydt de electie toekomt. Dat is gelijk de Dekenen sijn
+gehouwen eene rechte ende deughdelijke nominatie te doen, dat alsoo mede
+sijne Hoogheydt eene rechte ende deugdelijke electie. Nam paria sunt,
+aliquid non facere, & non facere debite & legitimo modo. Sal nu sijne
+Hoogheydt debito & legitimo modo sijne electie doen, soo moet hy ook
+toesien niet alleen, dat hy in sijne electie niet en exorbiteert, maer
+ook, dat hy die niet en doed uyt eene nominatie, die informeel ende
+onwettigh is; alsoo uyt eene informele nominatie gene wettige electie en
+kan gedaen werden: Immers al soo weynigh als eene electie kan gedaen
+werden sonder nominatie: dewijl het geen informeel is, niet meer geacht
+werd, als of het gansch niet en ware. Ende daerom soo sal ik seggen, dat
+sijne Hoogheydt seer wel heeft vermogen, ja gehouwen is geweest, op de
+waerheyt van de klaghten hem overgelevert, te informeren, het sy selve
+ofte ook door andre, Nam quæ per alios facimus, ipsi facere videmur.
+Quia nobis impellentibus fiunt. Nu is het soodanigh, gelijk Cicero seyt
+Officiorum primo, _inprimis homini propriam esse veri inquisicionem
+atque investigationem_; ende, _Falli, errare, labi, decipitam dedicere,
+quam delirare & mente captum esse_, is het, segh ik, soodanig, {Pag.13}
+waer past het beter de waerheyt te ondersoeken, als daer men verseert in
+saken van Staet, en daermen verseert in 't bestellen van de
+Magistrature, aen welke het welvaren hanght van Landen ende Steden? Ende
+is het soo schandelick te missen, vallen, bedrogen te werden, wien
+voeght sulx minder, als personagien van soo eminente qualiteyt, als is
+sijne Hoogheydt? Indien men hem wil constringeren om sonder
+onderscheydt, uyt alle nominatien, hoedanigh die ook souwen mogen sijn,
+electie te doen, soo sal men hem bedwingen in sulk een perk, uyt het
+welk hij sich niet en sal konnen redden, sonder mis te tasten, ende
+sonder den Lande grote ondienst toe te brengen. Het welk van de grootste
+iniquiteyt niet te excuseren en is. Alle menschen, soo ver sy met
+vernuft begaeft sijn, en sullen niet yetwes van eenige importantie
+sijnde, by de hand nemen, of sy sullen niet alleen inquireren,
+ondersoeken en overleggen hoe het in haren boesem gelegen is, wegens het
+gene sy voor hebben, maer examineren ook het gene buyten haer is,
+namentlik offer gene obstaculen sijn, die haer souwen konnen
+verhinderen. Gelijk yemand, die eene reys buyten s'Lands meent aen te
+nemen, overleyt niet alleen, of dat nut voor hem sal sijn, maer ook, of
+hy wel Schuyt en Wagen, tot sijne dienst sal konnen krijgen; of de wegen
+door vyanden of stroopers niet beseten sijn, met noch vyfentwintigh
+andre dingen meer. Maer soo syne Hoogheydt yet diergelyx doed, en dat in
+eene sake van het groote gewichte, handen vande bank, dat sijn regalien,
+dat en komt hem niet toe, of moest bewesen werden, dat het hem
+specialick vergunt was. Maer my belangende, soo wil ik wel eens
+gevraeght hebben, waer het ondersoeken, informeren, of horen van
+getuygen, een speciael regael werd genoemt, 't sy by de ouwe Schryvers,
+die de consuetudines feudorum by een gevoeght hebben, of die haer
+naderhand op dat spoor sijn gevolght. Ende geen speciael regael sijnde,
+soo en kan het niet wel speciael gegeven geweest sijn. Ja ick sal meer
+seggen, dat het gene yder een toekomt jure naturali & omnibus communi,
+gelijk als dit doed, geen regael en is, ende ook niet sijn en kan, of de
+natuer self moest omgekeert werden. Ende by exempel, de verklaringen,
+die genomen werden, ad perpetuam rei memoriam, gelijkenen die wel
+regalien! Als, neemt dat ik aen een stuck leengoeds yet te kost geleyt
+hebbe, het welk ik sou konnen repeteren, indien 't quame te {Pag.14}
+vervallen, ende op dat daer van t'alled tijden souw mogen blijken, ik
+voor Notaris en Getuygen, of voor eenigen Rechter, doe verklaringe
+beleggen, usurpere ik daer mede regalien? Wie heeft oyt sulx gehoort? Wy
+weten, dat jurisdictie te plegen, dat sijne Hoogheydt binnen Dordrecht
+niet en heeft gepretendeert, een regael is, maer in het minste niet het
+simple ende eenvoudige hooren van getuygen. Daerom, als, ten tijde van
+Jan de eerste, sekere Baillu van Zuyt-Hollant begeerde met Schepenen van
+Dordrecht _te ondersoeken op sommige saken ende misdaden_ (welk men doen
+plagh te noemen, stille waerheydt besitten) _die tot Dordrecht waren
+geschiet_, soo hebben deselve Schepenen sonder eenige discepatie,
+_toegestaen voor die reyse met hem te sitten, niet om te oordelen en
+rechten, maer om te ondersoeken_. Als wel wetende, dat het selfe
+_ondersoeken_ henluyden in hare jurisdictie gene prejudicie en gaf:
+_quia judicium a citatione_ ut pragmatici loquuntur, _initium sumit_. Of
+soo Justinianus spreekt § finali. De pæna temere litiguntum: _Omnium
+actionum instituendarum principium ab ea parte Edicti proficiscitur, qua
+Prator edicit, de la jus vecando_. Maer als de Graef selve over hare
+Borgers recht spreken ende oordelen wilde, soo hebben Schepenen, die te
+voren soo facyl tegen den Baillu waren geweest, sich selven wel
+ernstelick daer tegen gekant: Seggende:
+
+
+ _Onse Handvest segget wel
+ Dat wy ende niemand el
+ Recht ende vonnes seggen mogen,
+ Over onse Poorters van lagen van hogen.
+ Deese vryheyd gaf u oude Vader
+ Coninc Willem, die wy allegader
+ Hebben bezegelt en beschreven,
+ Dus ons van uwen ouwers bleven._
+
+Het welke veele onlusten gebaert en haer in veele swarigheden heeft
+geinvolveert, die sy standvastigh hebben uytgestaen, daerse niet
+difficyl aen den Baillu, als hy niet verder en pretendeerde als het
+_ondersoecken_ ende horen van getuygen, haer hebben getoont. Ik weet
+wel, datmen ook kan informeren om een begin van een Proces te maken, het
+geen hier niet alleen niet en is geschiet, maer waer tegen men altydt
+heeft geprotesteert. Ende sulcx doet men ongelijck aen sijne {Pag.15}
+Hoogheydt; datmen hem uytmaeckt voor eene Usurpueur van eens anders
+Jurisdictie. Waerom en siet men hier niet in, als men in andere saken
+gewoon is te doen, faciendi causam? Volgens den wel bekenden regel,
+_Nonfactum, sed facienda causa inspicienda est._ Want soo leert ons
+Ulpianus in l. 39. ff. de furtis: _Verum est, si meretricem, alunam
+ancillam, rapuit quis, velcelavit, furtum non esse. Nec enim factum
+quantur se causa faciendi. Causa autem facienda libide furt, non
+furtum._ En soo en heeft het informeren van sijn Hoogheydt gene andre
+oorsaeck gehad, als de begeerte van de waerheydt, ende niet usurpatie
+van jurisdictie. Gelijck oock het vervolg heeft getoont. Nu voortgaende
+sal ick seggen, hoewel dese dingen genoegh sijn om volkomentlick het
+recht van sijne Hoogheyt te adstrueren, soo sullen even wel wy eens
+aenschouw nemen, wat de beschreven wetten disponeren, 't gene tot
+beweringe vande selve saek souw mogen dienen. Ende daer vinden wy dan in
+jure Canonico, dat de gene die het confirmeren van een gekoren Prelaet
+toe komt, oock toekomt het ondersoeck vande keur of electie, en ook
+vande bequaemheyt van den gekoren persoon. Ende anders geschiedende, soo
+heeft plaets dat'er gestatueert is in _Cap. Nihil est 44. extr. De
+election. Non solum deiseiendus est indigne promotus, verum & indigne
+promovens punlendus._ Op welcken text Pinormitanus aenteyckent: _Debet
+confirmator inquirere de electionis forma & meritis electi: & hodie
+facta confirmatione sine causa cognitione, est ipso sure nulla._ Nu soo
+sich heeft de confirmatie tot de electie, soo heeft sich ook de electie
+tot de nominatie. Sulx dat men van het eene tot het andre valide magh
+argumenteren, ende seggen, het gene plaets heeft in het eene, oock
+plaets moet hebben in het andre. Ende gelijck die de confirmatie heeft
+oock moet inquireren op de voorgaende electie, oock soo moet inquireren,
+die de electie heeft, op de voorgaende nominatie. Dewyl daer deselve
+reden is, oock het selve recht moet plaets hebben. Maer hier tegen
+schrijft, soo men seyt, de Heere de Groot, dat Justinianus verklaerde,
+_dat dat maer alleen inde Kerckelicke bedieninge, onder den Paeus,
+plaets hadde, ende het selve aen sijne Wetten geene prejuditie te
+geven._ Dan ick geloof dat het dien goeden Heer inde memorie sal sijn
+geslagen, nu niet meer geheugende het gene hy te voren geweten heeft,
+dat geschiet inde Classicale Vergaderingen, na het beroep. Namentlick,
+dat daer mede werd geëxamineert de beroepinge ende beroepenes qualiteyt
+beyde. Ende nu niet meer geheugende het gene hy te vooren van {Pag.16}
+het Geestelijcke of Canonyke recht selfs heeft geschreven. Als mede dat
+hy aen Justinianus het meeste gelijck niet en doed, niet eens gedenkende
+dat Justinianus selfs is de gene, die het fundament van het Canonyke
+recht heeft gelegt. Want dit recht is originelick gesproten uyt de
+besluyten, regulen ofte canones inde Synodale Vergaderingen beraemt ende
+vast gestelt. Welcke, alsoose te vooren in sich selven ingesien, van
+politique macht ende auctoriteyt waren gedestitueert, soo heeft
+Justinianus die, d'allerste, daer by gedaen gevende haer de auctoriteyt,
+die sijne andre wetten hadden, als men sien kan in sijn Novella 131. Het
+welck dan is geweest het begin van het jus Canonicum. Waer op gevolgt
+is, dat inde verdere tyden de Keisers selve, ofte uyt haren naem hare
+Volmagtigde inde Concilien ofte Synoden hebben de gepresideert, der
+selver Decreten ook, alsde voorgaende, kracht ende autoriteyt bekomen
+hebben, hoewel datse van de gene niet in schrift geredigeert en zijn,
+die macht hadden om Wetten te maken, moetende de Keisers als aucteurs,
+ende de Schrijvers als ministers geconsideruert worden. Waer naer daer
+by gevoeght zijn de Decreten van de Pausen, die op sekere voorvallen
+zijn of wierden geconsulteert, tot welcke Gregorius de IX. verscheyden
+dingen, genomen ex jure civili, heeft bijgevoeght, self van sodanige,
+daer hy niet van geconsulteert en wierde. Waer naer van d'een en
+d'andere noch jet is aengelapt. Ende dit dan soo zijnde, wilde ick wel
+eens gevraght hebben, of Justinianus sichs selvens niet soude vergeten
+hebben, als hy alle auctoriteyt aen het jus Canonicum souw schijnen te
+derogeren? Ende het niet eer te geloven is, dat hy Justinianus hier in
+niet wel en heeft verstaen? Wat nu de Heer de Groot selve aengaet, die
+hier toont sich selven niet meer te kennen, ofte ten minsten te geheugen
+wat hy voor desen van dit recht heeft gehouwen, soo sullen wy hem in
+fijne swackheyd te gemoed komen, en helpen herdencken, wat hy voor desen
+van dit Canonyke recht heeft geoordeelt. Hij verhaelt dan in het derde
+Boeck De jure belli cap. 12. met veel lof, dan met inde Neerlandsche
+oorlogen, de limit of frontierlanden, betalende sekere contributie, aen
+wederzyden heeft gecultiveert. Ende hy voeght daer by, _Hos mores
+humanitatis magistri Canones Christianis omnibus, ut majorem ceteris
+humanitatem debentibus ac profitentibus imitandes proponuns._ Ende om te
+bewysen dat sulcx descendeert ex jure Cononico, soo allegeert hy daer
+toe cap. 2. extr. de treuga & pace. Het welck een decreet is {Pag.17}
+gestatueert in Concilio Luateranensi, ten tijden van Alexander de derde.
+Soo dat klaer blijckt, dat hy daer het jus Canonicum ver stelt boven het
+jus Civile of Justinianeum. Gelijck hy het selve mede doed in het twee
+deel van het eerste Boeck sijns Hollandsche Rechtsgeleertheyds. Want na
+dat hy van het Roomsche Recht gesproken heeft, gebruyckt hy dese
+woorden: _Gelijk ook daer na gebeurt is, dat eenige saken in meerder
+billickheyd zijnde overleyd_, als wel Justinianus heeft gedaen, _by een
+groot deel der Christenheyd jet nader aengenomen, ende seer oneygentlik
+bekomen hebbende de naem van Geestelijke of Pauselicke Rechten, ook in
+dese landen kracht van Wet heeft bekomen_. Waer uyt wy dan besluyten,
+dat het gene hier te voren ex jure Canonico is geallegeert wel ende te
+recht geallegeert is, ende hier te lande in desen ook plaets moet
+grypen, voornamentlik, daer in beyde de gevallen de selve rede
+militeert. Want dat is seker, dat de formaliteyten in het politijc soo
+wel als in het ecclesiastijc moeten werden geobserveert, alsoo die
+genegligeert zijnde, soo wel in 't eene als in 't andere, alle actitata
+komen te vervallen. Ende soo wel als het opsprakelik is, jemand
+onbequaem zijnde, te vorderen tot kerkampten, alsoo wel is het mede
+opsprakelik, jemand tot politike digniteyten te vorderen, die der selver
+onbequaem souw mogen zijn. Soo dat het geene expres gestatueert is in
+approbatione; ex identitate rationis mede moet gerecipieert werden in
+electione. Ende al waer het schoon, dat wy dat fundament in jure
+Canonico niet en hadden, zijn wy daerom gedestitueert van andere ex jure
+civili? Is het niet soo wel eene regel juris civilis quam Canonici: _Qui
+vult consequens vult & antecedens?_ Ende wederom, _Concesso aliquo etiam
+ea concessa videntur, sine quibus illud expediri non potest?_ Het welk
+ook soo verregaet, dat al waer het, dat de uytvoeringe vande commissie
+niet en kon werden geëxecuteert, sonder 't exerceren van regalien. Want
+dat selve werd dan verstaen mede inde comissie begrepen te zijn, als te
+sien is by Rosenth. de Feudis cap. 5. concl. 14. n. 6. Het welk ook de
+leer is van Cumanus, Zafius, Mozzius en andere. Staetmen sijne Hoogheyd
+de electie toe, soo moetmen hem ook toestaen het gene sonder het welk hy
+de electie niet en kan doen, ofte dat het selve is, niet behoorlik en
+kan doen, dat is informeren op alles dat ontrent het selve subject te
+indageren staet. En wil men daer van eene text ex jure civili, men sal
+die vinden genoegsaem in terminis leggende, in l. 4. C. si contra jus
+vel utilitatem pub. daer de Keiser Constantinus rescribeert in {Pag.18}
+deser voegen: _Eisi non cognitio sed excecutio mandatur, de veritate
+precum inquiri oportet, ut si frans intervenerit, de omni negotio
+cognoscatur._ De saek is dus gelegen geweest: op de supplicatie van
+seker persoon, heeft de Keiser last gegeven aen Pompejanus Consulatis
+Campaniæ, die doe onder den Keiser dat quartier van Italie regeerde, dat
+sekere sententie, ten voordeele van den suppliant, soude ter executie
+leggen, sonder jet meer daer by te voegen. Pompejanus het werk by de
+hand nemende, bevind dat 'et soo glad niet en gaet, maer gelijk het
+schijnt, datter oppositie valt. Derhalven vind Pompejanus sich verlegen,
+als siende dat sijne commissie niet verder en ley, als om te executeren,
+ende dat aen dit werk wat meerder vast was, als eene simpele en blote
+executie. Ende daerom neemt Pompejanus sijn recours tot den Keiser,
+gelijk sijne Stadhouwers, in alle voorvallende swarigheid, gewoon zijn
+geweest te doen: ende sulx soo geeft hy hem te kennen, hoe 't met die
+saek gelegen was. Waer op nu de Keiser antwoord, hoewel hem met expresse
+woorden niet en was aenbevolen, kennisse te nemen ende te oordelen vande
+saek self, maer dat sijne commissie niet verder en sprak, als van de
+executie, dat hy evenwel behoort te inquireren ende ondersoeken op de
+waerheid van het te kennen geven van den Suppliant, ende soo hy bevind
+datter eenig bedrog mede vermengt is, ende dat de Suppliant den Keiser
+geabuseert heeft, dat hy Pompejanus dan sal kennisse nemen vande geheele
+saek, ende die determineren. Dit nu in effect zijnde het gene de Keiser
+verstaen heeft, gaet nu heen, segt dat het inquireren een regael is,
+datmen 't niet mach excerceren sonder expresse commissie, dat sijne
+Hoogheyd de nominatie niet mach voor onwettig verclaren, ende
+diergelijke moye dingen meer. Maer siet eens of al dit getuyt niet en
+komt te vervallen door dese eene Wet van Constantinus alleen. Ende om
+noch verder te gaen, indien sijne Hoogheyd, uyt dese lieve nominatie,
+electie hadde gedaen, ende daer mede deselve nominatie geapprobeert, wat
+soude men daer af hebben moeten oordeelen volgens de dispositie vande
+Roomsche Wetten? sou men niet moeten seggen, dat hij qualick hadde
+gedaan, ende het gene niet en behoorde? Buytentwyffel, ja. En so men
+daer af begeert eene Wet, ik salse mede geven genoegsaem in terminis,
+zijnde in ordre de twaelfde sub titulo Digestorum de appellationibus.
+Maer tot illucidatie van dien sal ik voor af seggen, antequam aliquis
+Duumvir crearetur, indici debuisse concilium publicum, quæ indictio in
+eo negotio requisita fuit solemnitas, soo als ons aengewesen {Pag.19}
+werd in l. Nominationes. C. de appellat. Nu is het gebeurt, ut omissa
+illa solemnitate, nulloque actu ex lege habito, aliquis popularium
+vocibus Duumvir postularetur. Waer toe de Stadhouwer sijn advoy ende
+consent mede heeft gegeven, soo dat dien het duumvirat overdrongen was,
+goed gevonden heeft te appelleren. Maer wat seyt de Jurisconsultus
+Ulpianus daer van in illa lege duodecima? In 't reguard van den
+Stadhouder, _Eum comfontire non debuisse_, ende in reguard van den
+opgeworpen Duumvir, _in re aperta appellationem esse supervacuam_. Want
+alles was nul en krachteloos, soo wel de proceduyren van 't volk, als
+het advoy en consent vande Stadhouwer. En waerom doch nul? Niet om
+dat'et sou gedaen zijn by die gene, die gene nominatie of electie, of
+recht van creëren en hadden, meer om dese eene informaliteyt, dat die
+gerequireerde en solemnele convocatie niet en ware voorgegaen. En hier
+in 't nomineren vande Mannen van achten, hoe is 't daer mede toegegaen?
+komt het wel op eene aen? Om andere informaliteyten nu verby te gaen, is
+die niet geschiet ten overstaen van die daer niet en hadden behooren te
+wesen? Hebben niet mede nevens sommige Dekens eenige Overluyden gestemt,
+die het gans niet toe en komt? sijnse niet overstemt, die niet overstemt
+en konnen werden? Soo sijne Hoogheyd hier sijn advoy ende consent mede
+hadde toegebracht, en souw niet yder een met Ulpiano moeten seggen
+hebben, _Eum consentire non debuisse_? Maer neen sal men seggen, dit en
+heeft hier gene plaets, want het Gerecht hadde hier alrede in versien,
+ende de nominatie gelegitimeert, ende soo en had hy sulk eene censure
+niet te vreesen. Ja dat is soo dat men 't seyt, want die van Dordrecht
+schrijven sulx publijkelik, en willen 't van yder een mede soo gelooft
+hebben. Ende het is waer ik hoor mede seulken tael, maer die klinck my
+inde oren, als of men seggen wilde, even gelijk een Souverain een
+basterd of onwettig geboren legitimeert, ende neven andre wettig
+geboorne doed passeren, het selve Gerecht also mede bevoegt is, eene
+onwettige en informe nominatie wettig te maken, ende nevens andre
+wettige en deugdelijke, als van een alloy ende valeur zijnde, te doen
+deurgaen. Ende in gevolge al isser overstemminge gevallen, daer gene
+overstemminge plaets kan hebben; al is de nominatie geschiet in
+tegenwoordigheid, ten overstaen ende directie vande gene die de
+privilegien en wetten daer van submoveren; al nomineren mede de
+gene die volghens privilegien gene qualiteyt en hebben, om te {Pag.20}
+nomineren; al is de nominatie niet vry geschiet, maer door ongehoorde
+cuperyen en dreygementen geforceert, als maer de aessem van het Gerecht
+daer over gaet, soo vallen alle seeren af, alle leemten verdwynen, en
+men is van alle corruptien gesuyvert, ja soo seer als een duyfje dat de
+pocken heeft, daer immer niet op en valt te smalen. Ende daer mede gaet
+soodanige nominatie deur nevens de beste die van alle ouwe tyden souwen
+mogen sijn geschiet. Is dat niet wel gesuyvert ende gelegitimeert? Ik
+heb dat wel geleert, dat voor desen aen den Souverain het recht van
+legitimeren plagh toe te komen, maer niet aen eenigh subaltern gerecht,
+altijdt niemand en souw voor desen sulx hebben derven sustineren, maer
+onwettige actien en valsche positien voor wettige ende ware te
+verklaren, en weet ik niet dat oyt voor desen eenig Souverain heeft
+gedaen, of oock sijne maght misbruykende, in het toekomende sal willen
+doen. Soo dat de majesteyt van dit Gerecht, soo ver de Souverainiteyt
+van andre hooge machten te boven gaet. Dan dit en is soo seer niet te
+verwonderen, dewijl dit Gerecht al noch yet meerder heeft, dat andere
+Recht-bancken noch Hoven van Justitie niet en hebben. Dat namentlik het
+selve eens geoordeelt hebbende, andermael van de selve saeck magh
+oordelen. Het welcke soo niet en plagh te wesen, als wy in onse
+jonckheyt uyt Terentio hebben geleert. Want wy hoorden den daer Phormio
+spotsgewijse aen Demipho dese woorden te gemoet voeren.
+
+
+ At tu, qui sapiens es, Magistratus adi,
+ Judicium de eadem causa iterum ut reddant tibi,
+ Quandoquidem solus regnas, et soli licet
+ Hic de eadem causa bis iudicium adipiscier.
+
+
+Of alle de gene die in dat Gerecht sitten, dese les wel geleert sullen
+hebben en weet ick niet, maer dat tonen sy altijdt, dat die voor dees
+tijdt, haer niet te pas en komt. Want, na dat het selve Gerecht, uyt
+hare absolute en Souvereyne maght, de nominatie, met kennis van saken,
+heeft gelegitimeert, en overgesonden, soo verstaet het dat by het selve
+noch souw staen te examineren, offer in de selve nominatie eenige
+abuysen of informaliteyten waren begaen, indien sijne Hoogheydt, of
+yemand anders, wilden sustineren, dat'er eenige begaen waren. Ende die
+bevonden sijnde, soo souw het selve Gerecht, na desselfs {Pag.21}
+gewoonlicke billickheyt, deselve corrigeren en beteren. Ende hier uyt
+resulteert dan noch eene derde preëminentie boven alle Hoven ende
+Rechtbancken, dat het soo doende, sal oordelen in sijne eygen saeck.
+Want in 't examineren van de informaliteyten, sal mede in consideratie
+konnen komen, of oock de oversendinge van de nominatie wel en op
+behoorlicke tydt is gedaen. Ten anderen, of het hooft van de nominatie
+niet puyr valsch is, als sijnde in 't selve gestelt persoonen in wiens
+presentie die souw sijn geschiet, die daer wel present hadden behooren
+te sijn, maer inder daed daer niet en sijn geweest, ende verswygende,
+dat'er die present sijn geweest, die daer gans niet en hoorden. Ten
+derden, of niet het Gerechte selfs 't geen is geweest, dat de over
+luyden heeft geauthoriseert op de nominatie van de Mannen van Achten
+present te mogen sijn om door haer, in præjudicie van de Dekens, de
+maght van de nominatie in haer gewelt te krygen. Ten vierden, of eenige
+uyt den Gerechte selfs haer niet en hebben vervorderd, tegens de wetten
+aen, niet alleen schandelick te kuypen, maer ook Dekenen hebben
+geforceert door dreygementen ende beloften. Siet, alle dese moye
+dingetjes, en meer andre die het in 't geheel heeft gedaen, of voor een
+goed gedeelte aen heeft geparticipeert, die sal het Gerecht oordelen en
+na meriten corrigeren: ende dat, 't geene sonderlinge te noteren staet,
+na soo eene sine en solemnele legitimatie. Ende daer het Hof niet magh
+oordelen van sijne competente jurisdictie, als dese Parnas-bende seyt,
+daer vermagh het Gerecht van Dordrecht dit niet alleen, maer oock alle
+andre moye fraigheden, hier voren verhaelt. Sijn dat niet moye bonen,
+want sy rollen als erten?
+
+Maer dit, en wat er meer souw mogen sijn, souw men wel schoon en suyver,
+als men seyt, gedilueert hebben (immers soo wel geloof ick alsmen 't te
+voren had gelegitimeert) _hadden die van Dordrecht sijne Hoogheydt,
+wegens de gepretendeerde informaliteyten, esclaircessement ofte bericht
+mogen geven, als de Commissarisen van het Hof, aen wiens jurisdictie sy
+haer niet garen getrocken sagen, daer niet tegenwoordigh waren geweest._
+Dan het en schort die lieden daer niet. Want sy weten wel dat die
+Commissarissen in die saeck noyt jurisdictie en hebben geëxerceert, maer
+ook daer en boven publikelick hebben verklaert, daer in gene jurisdictie
+civilik of criminelick te sullen exerceren. Gelijck oock het soo klaer
+als den dagh blyckt, dat sy 't tot noch toe niet en hebben {Pag.22}
+gedaen, noch van meningh en sijn te doen. Maer het bericht, dat men
+geven wilde, dat woude men doen in crepusculo, als de Vleer-muysen en de
+Nacht-uylen beginnen te vliegen, & remotis arbitis. Nu, waerom sy dat
+soo wilden, weten sy selve wel, en die van sinnen niet berooft en is,
+kan het wel lichtelick denken. Om dat men dan gedwongen werd het Auter
+te ontdecken, ende te toonen wat properheden daer onder schuylen, soo
+moet ick seggen, dat sijne Hoogheydt aen Burgemeesteren ende Regenten
+van Dordrecht geschreven hebbende, dat sy eenige uyt den Gerechte wilden
+senden, om op de aengebrachte klachten te werden gehoort, dat'er oock op
+den 28. December 1684. des mergens te negen uyren eenige uyt den selve
+Gerechte, met hare Secretarisen, voor hem sijn verschenen, hebbende hy
+mede by hem daer ontboden degene, die als Commissarisen te vooren te
+Dordrecht waren geweest. Ende na dat de selve Gedeputeerde waren gelast
+neder te sitten, soo hebben sy aen hem overgelevert, hare credentialen.
+Welcke gelesen sijnde, ende hy haer willende vragen, volgens sekere
+opgestelde Articulen, soo is by hen Gedeputeerde geseyt, dat sy van den
+Out-raedt of Vroedschap prohibitive last hadden, om te antwoorden in
+tegenwoordigheydt van Commissarisen van den Hove. Waer op in effecte by
+sijne Hoogheydt is geantwoordt, dat dese sake den Gerechte raekte, ende
+geensins den Out-raed, wiens authoriteyt sy hier te vergeefs
+pretexeerden. Dat daer en boven de geallegeerde last, van niet te
+antwoorden, directelick streed tegens hare Credentialen aen, even te
+vooren overgelevert: Ende indien sy eenige andre last hadden, als de
+Credentialen mede brachten, datse die wilden overgeven. Ende voor soo
+veel de Commissarisen aengingh, dat hy die geassumeert hadde om hem in
+die sake te assisteren, ende nergens anders om. Want, dat hy niet goed
+gevonden hadt haer alleen te hooren, alsoo hy haer kende voor sulcke
+luyden, die ontkennen dorsten, het gene hy wist waer te sijn. Waer by is
+gevoeght, door een van de Commissarisen, dat sy gene de alderminste last
+hadden, om eenige jurisdike actie daer te plegen, maer alleen daer
+gekomen te sijn, als by sijne Hoogheydt alrede was geseyt. Doch op gene
+van alle die redenen en heeft men yet weten seggen, noch oock eenige
+nadre last produceren. En evenwel is men by sijne negative blyven
+persisteren, sonder eene stip te avanceren. Soo dat sijne Hoogheyd
+versocht, dat sy eens in een vertrek wilden gaen, ende met den {Pag.23}
+andren consulteren, offe niet de geproponeerde difficulteyt konden over
+stappen, ofte ook nader komen. Maer wederom gekomen zijnde, hebben sy
+inde voorschreve negative blyven persisteren, seggende dat sy alles aen
+hare principalen souwen refereren, ende van het nader geresolveerde
+raport doen. Waer mede dan die sessie is geeyndigt. Maer verwacht
+werdende, dat sy na eene dag of twee, het beloofde raport souwen komen
+doen, ende niet verschijnende, heeft sijne Hoogheyd eene twede missive
+laten afgaen, met versoek, dat sy weder voor hem wilden verschijnen op
+den 2 van Januar. 1685. Gelijk sy dan ook gekomen zijn. Maer hier en
+heeft men nu niet de minste mentie gemaekt, 't geen sonderling is te
+noteren, dat men in tegenwoordightyd van Commissarisen (die doe daer soo
+wel verschenen waren, als te voren) niet en kost ofte wilde antwoorden,
+maer wel ter contrarie, dat men souw verklaringe doen. Dan hoe dede men
+dat? Even als een leger, dat sigh voor sijnen vyand te swak bevindende,
+in het aftreken of retireren, noch wel eens vier geeft, niet soekende
+hoe het vechten souw mogen, maer hoe dattet het vechten mach ontkomen,
+alsoo mede was haer antwoorden. Want die en bestonden niet anders als in
+subterfugien ende cavillatien, die de saek niet en raekten: Als, datmen
+distingueerde, tusschen de wettelickheyd ende de forme van de nominatie.
+Daer nochtans de forme niet anders en is, als de overeenkomste van de
+saek met de wet: ende de wet, niet anders als het rechtsnoer van de
+forme. Sulx dat wettigh te zijn, niet anders en is als te hebben de
+form, die de wet prescribeert. Wederom, datmen antwoorden wilde wel
+generalleck, soo sy seyden, maer niet in specie. Het welk sy soo
+uytleyden, datse souwen verklaren, datter op de nominatie niet en waren
+gebracht vreemdelingen, minderjarige, te na den andere in maegschap
+bestaende, (waer over noyt klachten en waren gevallen) sonder haer
+verder te willen uyten, of op articulen te willen antwoorden. Maer is by
+een van hunne Secretarisen, die mede inde commissie waren versocht, dat
+sijne Hoogheyd hen copie van de articulen wilde geven. Het welke hy
+toestond, indien sy wilden antwoorden. Maer alsoo sy in die conditie
+gene behagen en hadden, soo en hebben sy ook die articulen niet bekomen.
+Ende daer mede is ook die tweede sessie geëyndicht. Waer uyt dan
+klaerlik blijkt, voor eerst, dat sijne Hoogheyd seer onheusselik werd
+getraduceert, als of hy geen bericht van die van Dordrecht had {Pag.24}
+willen ontfangen. Ten anderen, dat het Hof hier seer sinisterlik werd
+ingetrocken, even of het selve, door presentie van eenige uyt den haren,
+als die van Dordrecht wierden gehoort, sijne jurisdictie wouw vast
+maken, ende extenderen over dien van Dordrecht. Ten derden, dat die van
+den Gerechte van Dordrecht door dese weygeringe ende onwilligheyd sijn
+geworden veri contumaces en wederhorig, soo dat alle de articulen, op
+welcke sy niet en hebben willen antwoorden, te recht by sijne Hoogheyd
+voor soo veel gehouwen sijn als bekent. Ten sulcken effecte, dat hy,
+gesien hebbende de verificatien vande selve articulen, wel heeft
+vermogen de onwettige nominatie te rejecteren, ende weygeren eene
+electie uyt deselve te doen. Want hoewel het de plicht is van sijn
+Hoogheyd, om uyt een meerder getal de electie te doen, soo is hy evenwel
+het selve niet anders gehouwen te doen, als uyt eene legitime, aen wiens
+forme niet en manqueert, dewyl anders doende, de onwettigheyd vande
+nomanatie, ook influeren souw inde electie. Ende derhalven en souwer
+niet alleen rede gegeven werden te klagen over de nominatie, maer over
+nominatie ende electie beyde. Als hiervoren overgenoeg aengewesen is.
+Soo dat nu hier uyt seer klaer blijckt, wat voor fine lieden het moeten
+zijn, die derven klagen, dat men sijne Hoogheyt niet en heeft mogen
+berichten, ende esclaircissement geven. Indien nu alle dese voorschreve
+redenen ende passagien van rechten eens op den Parnas te voorschijn
+werden gebracht, ende men aen de eene zijde sal beginnen te overwegen,
+wat voor eene bres dese Grotiaensche brief daer deur heeft gekregen;
+ende aende andre zijde, watter al tot voordeel van sijne Hoogheyd werd
+by gebracht, soo en geloof ik niet, dat Barnevelt vande selve meninge
+sal blyven, om namentelik af te wachten de komste vanden Primier, ende
+hem gehoort gebbende, nader te delibereren op het intrecken, ofte
+antiqueren van het jus civile, ofte corpus juris. Want ik geloof dat hy
+met al de bende, overluyd roepen sal, wech met dit gespuys dat ons al
+dese brabbelinge maeckt. Ja ik en kan niet anders dencken, of men sal
+den vromen Oldenbarnevelt komen last te geven; _Videat ne respublica
+Parnassicolarum quid detrimenti capiat_: ende dat men hem expresse mede
+ordineren sal, dat hy de Justitie representerende maecht de schael met
+het swaerd, 't sy deur finesse, 't sy anders, uyt de handen wringe,
+voort eene schop van achteren geve, ende soo late loopen. Want {Pag.25}
+heeft men in voorgaende tyden den stok wel derven trecken, ende en souw
+men het nu niet doen, soo waer wel de Pernas vol gecken. Neen, men moet
+mede toonen, datmen is, ende sich soo niet laten over de neus hacken.
+Doch op dat de plaets van de verschovene sloot weder mocht werden
+vervult, wat waer 'er beter, als daer toe te consacreren en te wyen;
+Mevrouwe _Eygesucht_? Ende, om daer soo niet alleen te pronck te laten
+staen, als die uytgeworpene slobbe tot noch toe heeft gedaen, wat waer
+'er gevoeglicker, als datter, na dese tyde wijse, tot camerier,
+_Archlistigheyd_ wierde toegevoeght, versen met eene mensch, vol van
+alle soorten van onwaerheden, gestoffeerde ende ongestoffeerde, ende tot
+Staet juffers de verwloose _onbeschaemtheyd_, met hare suster
+_Snatersnel_? Doch voor al diende wel besorght, dat dese geheyligde Dame
+wierde ter hand gestelt eene stempel, waer mede wierde getekent, alle
+woorden, reden, en loyen, die op den Parnas gangbaer sullen zijn, ende
+de selve, van wat alloy of forme die oock mochten wesen, te legitineren.
+op de nieuw uytgevondene manier: verklarende alle het verdere voor
+billoen. Ende soo jemand hier souw willen inbrengen andre munt, al
+droegse het Keisers beelt, dat men hem nieten admittere, maer weer
+omsende. Ende wil hy daer tegen inbinden, dat _Snatersnel_, geassisteert
+met hare suster, niet op en houwe hem alsoo te bejegenen, dat men sijne
+rede soo weynigh sal komen in achtinge nemen, als men kan doen het
+gesangh vande nachtegael, onder het geschreeuw van de esels. So dat het
+voortaen best sal zijn, dat alle die niet van dese hoogvliegende
+Parnas-vogels en zijn, de vinger op de mond leggen. Nam, quis brachia
+contra torrentem?
+
+ * * * * *
+
+
+TOE-GIFT.
+
+Dewyl het den Missive Schrijver belieft heeft ons te verhalen, wat'er op
+den Parnas is geschiet, soo souwen wy insgelyx hem konnen verhalen,
+wat'er in het Rijck van de Maen, dewelcke, na het gevoelen van
+Xenophanes, mede bewoond werd, is voorgevallen. Ook sommige van onse
+luyden sijn daer al droomende na toe gegaen, gaen, ende al {Pag.26}
+droomende weerom gekomen sijnde, hebben dingen verhaeldt, die noyt en
+sijn geschiet, noch geschieden en sullen. Ende soo souwen wy hem met
+gelijcke munt konnen betalen, ten ware dat'et beter was eene ware
+Historie te vertellen, als verdichtselen, die min te achten, sijn, als
+de fabulen van Æsopus, of van den Arabischen Lokman. Ick sal dan seggen,
+dat het inder daed is gebeurt, datter inde maend van October des
+voorleden Jaers 1684. Weynigh dagen voor de onwettig verklaerde
+nominatie van de Mannen van Achten, ten huyse van den Burgemeester
+Francken, in de Voorzael is verschenen een goed ende aensienlick getal
+van Dekenen der respective Gildens. Dat aldaer 't selve rijckelick met
+Wijn is beschoncken, van 's achtermiddaghs te vier uyren tot des avonds
+te seven uyren, en later. Soo dat'er by eenige de Schroef al los
+raeckte, en de men het koelvat mede voor eene water-pot gebruyckte. Dit
+geselschap hier soo sijnde, is aengesproocken by den voorschreven Heer
+Burgemeester Francken, dewelcke verklaerde, dat sy daer ontboden waren,
+om haer te recommanderen de ouwe Achten, ten eynde sy inde aenstaende
+nominatie niet verby gegaen wierden. En aengaende de verdere,
+bemerckende dat over de selvige eenige beroeringe onder de Dekens ware,
+versocht hy, dat sy boven de ouwe Achten, soodanige wilde nomineren, die
+na de sin en speculatie van de Regeringe mochten sijn. Want anders
+doende, dat het van een schadelick gevolgh souw sijn. Waer na de
+Burgemeester Muys sijne welspreeckentheydt heeft getoont, ende heeft die
+vrienden aengesproocken met de volgende
+
+
+ {Pag.27}
+
+
+HARANGUE.
+
+
+_Mannen Deeckens_,
+
+Alle 't geene de Heer Burgemeester Francken uw daer geleght heeft, is
+waer en waerachtigh, en daerom kan ick my niet onthouden van uw voor al
+voor oogen te leggen de les van Salomon, dewelcke dicteert: dat alle die
+sigh mengen met die gene, die na veranderinge staen, met deselve vergaen
+sullen, dese veranderinge nu die hier by sommige quaedtaerdige, en
+ambitieuse menschen beooght, en geëntameert wort, sal seeckerlijck naer
+sigh slepcn een volkomen ruïne van de Stadt, en desselfs Finantien. Wy
+hebben veel moeyten gehadt om de vervallen Finantien van de Stadt te
+redresseren, wy hebben een Fons uytgevonden, te vooren onbekent, waer
+door de vervallene saecken weder sijn herstelt, wy hebben de Kaeyen
+gemaeckt; de Havens gediept, de Bruggens verstelt, en alles tot de
+Negotie in dier voegen geapproprieert, dat daer door de welvaert
+soodanigh is aengegroeyt, alsje alle tegenwoordigh siet, ende gewaer
+wordt, en selfs heb ick tot dese saecken uyt mijn eygen beurs aen de
+Stadt geschoten de somme van 12000 ponden, die ick jegens 3-1/2. per Cent
+laet loopen, met dien Interest te vreden sijnde, om de Stadt, die ick
+lief hebbe te soulageren. Maer Mannen Deeckens, die andere menschen die
+dese veranderinge in 't hooft hebben, en achten geen Stadt, noch geen
+Finantien, ja recht uytgeseyt, sy hebben den Duyvel en den Sacrement van
+de Stadt, en 't sijn Fielten en Schelmen die desselfs goede en
+loffelijcke Regeringe trachten te veranderen, en als 't dese Vagabonden
+daer al toegebracht sullen hebben, wat sal 't dan sijn? de Finantien
+sullen vervallen, de Stadt en desselfs Havens onbruyckbaer worden; de
+Arbeyts-luyden naeckt en leegh loopen. Ick bid u Mannen {Pag.28}
+Deeckens, en smeeck uw met gevouwen handen, datje doch na geen
+veranderingh en luystert, noch na geen menschen die 't daer mede houden;
+En siet doch wat menschen men hier al recommandeert aen u Nominatie, een
+deel Vagabonden, een deel Kalissen, hier recommandeert men'er twee, hier
+eenen Sonnemans en daer eenen anderen, daer magh'er hier en daer een
+onder sijn van middelen, maer de meeste sijn kalissen en geen luyden
+dieje dienen; Mannen Deeckens, noch behelpen sich dese menschen met dit
+voorgeven, dat ick de Prins van Oranjen soude bedrogen hebben, het welck
+valsch en Schelmachtigh gelogen is, ick stae wel by de Prins van
+Orangien, en omtrent de Treves, is by Ons niet gedaen als met kennis van
+sijne Hoogheyt; Ick bidje Mannen Deeckens luystert na sulcke leugens
+niet, en ick smeeck uw nochmael, dat gy na geen veranderingh en staet,
+maer het by u Regenten blyft houden; Soo sal de Stadt floreren, en God
+Almagtig salje Personen, en je Familien zegenen, &c.
+
+Nu eens gedroncken, wel Cameraet, uw heb ick wel gekent over 20. Jaer,
+enje Ouwers oock wel, ick brenght uw eens, sa Knecht, brenght een Glas
+van Respect, Vrienden dat moet rondt gaen, a vous de gesontheyt van ...
+
+Die hebben wy de Parnas-broeders, voor een toe-gifte, wel willen
+communiceren, alsoo het noch niet en schijnt in de archiven van hare
+Republijck ingekomen te sijn. Het welcke nochtans wel noodsaeckelick
+dient geweten te sijn, op dat men soo de Historie van dit Dordtsche
+werck met'er tydt compleet mach krijgen. Waer toe ick hoop dat andere
+vrienden, die yetwes hebben, ter materie dienende, mede de hand sullen
+leenen. Interum, lector, vive, vale, & his candidus utere merum.
+
+FINIS.
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's Aenmerkinge op de Missive van Parnas, by Anonymous
+
+*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 11884 ***
diff --git a/11884-h/11884-h.htm b/11884-h/11884-h.htm
new file mode 100644
index 0000000..e82ca20
--- /dev/null
+++ b/11884-h/11884-h.htm
@@ -0,0 +1,1155 @@
+<!DOCTYPE HTML PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN">
+<html>
+ <head>
+ <meta http-equiv="Content-Type" content=
+ "text/html; charset=UTF-8">
+ <title>
+ The Project Gutenberg eBook of AENMERKINGE Op de Missive VAN PARNAS.
+ </title>
+ <style type="text/css">
+/*<![CDATA[ XML blockout */
+<!--
+ P { margin-top: .75em;
+ text-align: justify;
+ margin-bottom: .75em;
+ }
+ H1,H2,H3,H4,H5,H6 {
+ text-align: center; /* all headings centered */
+ }
+ HR { width: 33%;
+ margin-top: 1em;
+ margin-bottom: 1em;
+ }
+ BODY{margin-left: 10%;
+ margin-right: 10%;
+ }
+ .linenum {position: absolute; top: auto; left: 4%;} /* poetry number */
+ .note {margin-left: 2em; margin-right: 2em; margin-bottom: 1em;} /* footnote */
+ .blkquot {margin-left: 4em; margin-right: 4em;} /* block indent */
+ .pagenum {position: absolute; left: 92%; font-size: smaller; justify: right;} /* page numbers */
+ .sidenote {width: 20%; margin-bottom: 1em; padding-left: 2em; font-size: smaller; float: right; clear: right;}
+
+ .poem {margin-left:10%; margin-right:10%; text-align: left;}
+ .poem .stanza {margin: 1em 0em 1em 0em;}
+ .poem p {margin: 0; padding-left: 3em; text-indent: -3em;}
+ .poem p.i2 {margin-left: 2em;}
+ .poem p.i4 {margin-left: 4em;}
+ .poem .caesura {vertical-align: -200%;}
+ // -->
+ /* XML end ]]>*/
+ </style>
+ </head>
+<body>
+<div>*** START OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 11884 ***</div>
+
+<a href="#AENMERKINGE"><b>AENMERKINGE Op de Missive VAN PARNAS</b></a><br>
+<a href="#TOE-GIFT."><b>TOE-GIFT.</b></a><br>
+
+
+<hr style="width: 65%;">
+
+<span class="pagenum">
+ <a id=page1
+ name="page1">
+</a>[Pag. 1]
+</span>
+
+<h1>AENMERKINGE</h1>
+
+<h1>Op de Missive</h1>
+
+<h1>VAN</h1>
+
+<h1>PARNAS</h1>
+<p>&nbsp;</p>
+<p>&nbsp;</p>
+<p>&nbsp;</p>
+<h3>Van den 22. January 1685.</h3>
+
+<h3>GETEKENT</h3>
+
+<h3>HUGO de GROOT.</h3>
+<span class="pagenum">
+ <a id=page2
+ name="page2">
+</a>[Pag. 2]
+</span>
+
+<p>&nbsp;</p>
+<p>&nbsp;</p>
+
+<span class="pagenum">
+ <a id=page3
+ name="page3">
+</a>[Pag. 3]
+</span>
+
+
+<hr style="width: 65%;">
+
+<a name="AENMERKINGE"></a><h2>AENMERKINGE</h2>
+
+<h2>Op de Missive van</h2>
+
+<h2>PARNAS</h2>
+<br>
+<p>&nbsp;</p>
+<p>&nbsp;</p>
+<p>Na dat de Griecksche Parnas, door de Turckschen mogentheyd verscheyde
+eeuwen verwoest gelegen hadde, ende daerom nu niet meer en wierde
+gefrequenteert, soo heeft Boccalyn eenen anderen in Italien weten te
+vinden, dan die gansch van ene andere natuer ende operatie was, als wel
+de Griecksche te voren ware geweest. Want de gene die op de eerste
+verkeerden, wierden beschenen met allerley klaerheydt, soo dat de
+duysterheyd van haer verstant quam te verdwynen, en aengedaen wierden
+met veelerley kennisse, soo dat sy verborgene dingen, oock selfs
+toekomende, wisten te openbaren. Maer die op den Boccalynsche Bergh
+quamen te verschijnen, bevind men nergens anders in uyt te steecken, als
+in alle soort van busche scherpsinnigheyt, hebbende tongen der Slangen
+niet ongelijck; ende sy selve van nature als de boose Muyl-Esels, die
+van vooren byten, van achteren schoppen, niemand sparende, als die sy
+niet en konnen bereyken. Op dese inventie hoewel Boccalyn seer praelde,
+soo is het evenwel daer mede soo uytgevallen, dat hy geluckigh souw
+geweest hebben, by aldiense hem niet dierder had komen te staen, als den
+hond, soomen seyt, de worst doet. Waerom dan oock niemand naderhand lust
+gehad heeft, om de naem te verkrygen, van diergelijcke Contrey ontdeckt
+ofte gevonden te hebben. Maer evenwel gelijck de natuer veele
+veranderingen uytwerckt, doende effene Landen tot Bergen oprijsen, ende
+Steden in den Afgrond versincken, soo is het mede gebeurt, dat in
+Hollant ontrent het Ye, de daryachtige gronden soo sijn opgegist, dat se
+dreygen den Boccalynschen Berg te sullen overtreffen. Ende, soo men
+seyt, souw Apolio mede daer alrede aengekomen sijn, ende in die lucht
+behagen genomen hebben, na
+<span class="pagenum">
+ <a id=page4
+ name="page4">
+</a>[Pag. 4]
+</span>
+dat hem de Grieksche Laurieren hebben
+beginnen te stincken. Dat ook na sijne komst aldaer mede waren
+verschenen <i>Cicero, Cato, ende alle de gene die sich ooyt met
+Staetssaecken hebben bemoeyt</i>, als <i>Hogerbeets, Renyl, Ledenbergh</i> ende
+ook <i>Barnevelt</i>, maer die gelijk als Sint Denijns, sijn hooft in bey
+sijne armen droegh, welcken Denijs hy ook schimperlijk verweet, dat
+deselve sijn hooft maer twee mylen ver had konnen dragen, daer hij het
+sijne uyt den Haegh tot op den top van den Amstelschen Parnas hadde
+gedragen. Benevens dese is daer mede verschenen den welbekende Keiser
+Iustinianus, dragende nu niet de Kroon van het Grieksche Rijk, maer een
+Amstels jok van bockenhout, dat hem nieuwlix op geleyt sijnde, de
+schouderen hadt deurgeschuert, alsoo 't hem gansch niet paste. Gelijk
+men dan ook seyt, dat daer versch aengekomen was de Burgemeester <i>van
+den Broek</i>, die wondre nieuw maren uyt Holland medebraght, waer over
+verscheyde van die Parnasbroeders ook haer sentiment seyden, waerd
+altemael om vanden vermaerden Hugo de Groot beschreven te werden. Daer
+waren voor desen wel aengekomen Socinus, Arminius, Vorstius, Spinosa,
+met haersgelijken, maer dewijl dit hare rol niet en was, soo en sijn sy
+op dit Theater ook niet verschenen, maer sijn van ver blyven staen om
+het spel aen te sien. Waer van principael Acteur was de voorschreve Heer
+Burgemeester van den Broek, refererende <i>'t gene eenigen tijd soo tot
+Dordrecht, als inde Vergaderinge vande Staten van Holland ende
+West-Vriesland op het subject vande nominatie der goede luyden vanden
+Achten der voorschreve Stadt, ende het herdoen van de selve voorgevallen
+was</i>. Als mede op <i>wat wijse de Heeren Commissarissen van den Hove van
+Holland haer in dese saken hebben gedragen</i>. Het welk sekerlik met
+groote verwonderinge moet aengehoort geweest sijn, principael indien die
+Burgemeester daer by geseyt heeft, gelijk het de waerheyd is, dat hy van
+die tydt of, en misschien eerder, van die swakheyt van lichaem niet
+alleen, maer ook van herssenen is geweest, dat hy de Commissarissen door
+sigh selven niet en heeft konnen antwoorden, maer heeft het laten doen
+door andre, die hy tot dien eynde in sijn huys ontboden hadde. Soo dat
+hey selfs naeulyx wetende watter in sijn eygen huys omme gingh, veel min
+geweten heeft watter op het Raedthuys of in der Staten Vergaderinge
+geschiede. Alsoo hy in die tydt die de bequaemheyt niet en had, om
+buyten sijn huys te konnen gaen of ryden. Soo dat ick presumere, dat hy
+gesuysebolt, of gedroomt sal hebben,
+<span class="pagenum">
+ <a id=page5
+ name="page5">
+</a>[Pag. 5]
+</span>
+als hy
+dit verhael sal hebben gedaen, ende grovelik dienvolgende gemist. Het
+welk van dien ouwen hals niet vreemd en was, alsoo ik sie dat sulx de
+andre Parnasbroeders ook wel overkomt, ende ik uyt den brief van de Heer
+de Groot lees, dat sy luyden <i>den Primier van de Heeren Commissarissen,</i>
+die tot Dordrecht sijn geweest, <i>daer</i> by henluyden, <i>al eenigen tijd te
+gemoet hebben gesien.</i> Want hebben sy hem al eenigen tijd te gemoet
+gesien, soo hebben sy ook al eenigen tydt gedroomt ende gedoolt, soo wel
+als den nieuw aengekomen Burgemeester, dewijl by hier nu noch sit, ende
+onseeker is wanneer hy hier van daen vertrekt. Soo datmen niet en hoeft
+te denken dat dese Parnasgasten sijn <i>tanquam abqui Semides &amp; adoptiva
+quadam numina,</i> als die ook hare misslagen hebben. Gelijk het selve noch
+nader daer uyt blijkt, dat sy hem als noch sitten en waghten. Want light
+en komt hy noyt op sulk eenen Parnas, daer sigh luyden onthouden die
+schrijven en dryven, <i>Spiritum Antichristi magis regnare ad lacum
+Lemannum, quam ad Tybrim.</i> Alsoo hy soodanige positien exerceert. En
+voorsichtiger souden sy doen dat sy de deuren in tyds toesloten, op dat,
+al quam hy kloppen, niet in gelaten en wierde, ten eynde over soodanige
+poincten, als hier vooren, of diergelijke, gene onrust op den Parnas en
+wierde verwekt. Want hoewel hy flexibel is, soo dat men hem souw om de
+vinger windeen, soo en is hem echter niet nieuw een Kamphaen in de kam
+te byten, schoon dat se al vry wat langh gebeckt sijn. Soo dat my daer
+uyt schijnt, dat die luyden, daer op dien Parnas, de beste positie niet
+en houden, voor hoe groten politicum men den Heer de Groot, die het rad
+daer draeyt, ook wil houwen. Want hoewel hy te houwen is voor een man
+vande uytstekenste geleertheyt, soo en belet dit niet, dat men sonwijlen
+sich vergist. Ende valt somwylen al eens voor, dat het spreekwoord
+bewaerheyt wert. <i>Magna ingemia, magni errores</i>. Soo dat oock de
+Monicken hebben weten te seggen: <i>Clericus edoctus non est semper sale
+coctus</i>. Tot eene preuve van dien sal ik voor eerst maer seggen, dat als
+een persoon van de eminentste qualiteyt in dese staet hem een gunstig
+oogh had toegeworpen, soo quam hy in den jare 1632 driftig herwaerts
+aengeloopen, verhoopende, dat hy nevens d'andre ouwe Santen, weder op
+het Autaer souw werden geset. Maer alsler ordre quam van de Heeren
+Staten van Ho'land, dat hy uyt den Lande sou hebben te vertrecken, soo
+gingh hy heendruypen, als een hond, die sijne staert verlooren heeft.
+Hier nevens sal ik noch voegen, dat als hy de Babylonische Hoer van hare
+voorname quetsure ende hooftwonde,
+<span class="pagenum">
+ <a id=page6
+ name="page6">
+</a>[Pag. 6]
+</span>
+die de eerste Reformateurs haer
+hebben gelastigeert, heeft willen cureren, wat heeft hy daer deur anders
+uytgeright, als datter is ge&euml;xciteert het <i>Classicum belli Sacri</i>, ende
+dat hy geprocureert heeft sijne eyge disgracie in het Hof van Sweden,
+daer hy doen een Minister af was. Soo dat hy daer van daen vertreckende,
+sich begeven heeft na Rostock, daer hy is overleden. Meer en sal ik voor
+deestydt van Hem niet seggen, alsoo dit genoeg is om aen te wysen, dat
+groote luyden ook hare misslagen hebben, en daerom geen wonder en is,
+indien hy het in desen Brief soo heel fix niet en heeft. Want niet seer
+ver van het begin komt de goede Keyser Justinianus, soo hy seyt, te
+voorschijn, <i>met de tranen in de ogen, klagende, dat sijne Wetten soo
+weynigh voldaen wierden</i> by het Hof van Holland. Ende dat bestaet hier
+in, als men in den selven asem seyt, dat het selve sich aenmatight <i>van
+toesicht te dragen, Ne Provincia abundat malis hominibus</i>. Waer in of
+Justinianus of Grotius eenighsincs missen, want soo en luyden de woorden
+niet in den originelen text. Hoewelle van den sin niet t'eenemael en
+devieren. Ende nochtans schreyt die goede man daer over. Wat magh hem
+daer toe bewegen? Dit namentelik, dat de Hollanders soo dom en bot
+waren, dat sy <i>syne Wetten verkeerde applicatien ende beduydingen aen
+wreven</i>; willende doen het gene sijne Pr&aelig;sides in voorgaende tyden
+hebben gedaen, uyt misduydinge van woorden; even of <i>Pr&aelig;sides
+Provinciarum met die van President en Raden</i> een en deselve waren. Maer
+voor eerst sal ik hier op seggen, dat die het Hof determineert binnen de
+palen van Pr&aelig;sident en Raden, het selve verongelijkt, daer van
+afscheurende het eerste ende principaelste lid, namentlik den
+Stadhouwer, de luyster en voorname eer van dat Collegie. Soo dat de Heer
+de Groot hier sich selfs vergist, als hebbende te voren self geschreven,
+daer hy handelt van de gene die in het Hof sitten; <i>Horum caput est ipse
+Pr&aelig;fectus Holland&aelig;</i>. Daer naer sal ik vragen, indien de Pr&aelig;ses Provinci&aelig;
+een goed werk doed, <i>conquirendo nefarios, &amp; curando ut malis hominibus
+careat provincia</i>, hoe kan dat quaet sijn als dat selve by het Hof werd
+gedaen? Hoe heeft het Hof dien Keiser sijne pap soo qualik gebotert,
+dat'et soo qualik by hem te Hove staet? Immers soo ruym als de Pr&aelig;sides
+Provinciarum de Souvereyniteyt aen den Keyser gelaten hebben, soo ruym
+laet het Hof deselve aen de Heeren Staten van Holland. Dan hoewel dit
+soo is, soo pecceert'et niet alleen daer in dat het wil procureren, <i>ut
+malis hominibus careat provincia</i>, maer
+<span class="pagenum">
+ <a id=page7
+ name="page7">
+</a>[Pag. 7]
+</span>
+ook voornementlik daer in dat'et <i>de
+Steden van Holland onder hare vrede of vooghdye wil nemen</i>. Dan indien
+men die woorden soo meent en neemt, als die seggen, soo is het eene
+vuyle calumnie. Want waer heeft het Hof, ofte yemand die niet dul en
+uytsinnigh is, geseyt: <i>us pupillus nihil facere potest sine auctoritate
+tutoris</i>, alsoo ook niet de Steden van Holland sonder overstaen van het
+Hof? Maer wil men het eene gesond verstand geven, en daer deur verstaen,
+in sijn recht en gerechtigheyt maintineren; ook helpen en succurreren,
+daer men te kort souw schieten, om uyt te voeren het gene betaemt gedaen
+te sijn; soo kan 't toegestaen werden, ende sulx en wil het Hof niet
+alleen doen, maer is ook gehouwen te doen. Want wat isser bekender
+alsdat het Hof d'eene Stadt tegen de andere in sijne gerechtigheydt
+maintineert? Gelijk sulx in veele ende verscheyden exempelen te sien is.
+Ook Grotius selve, sprekende van het Hof, seyt: <i>Ipsa quoque urbium
+controversia, abeque magna mementi hic disceptantur</i>. Ende voorts, en is
+het niet in verscher memorie, dat als die van Delft onmachtigh waren om
+in hare Stadt behoorlicke Justitie te administreren, het Hof op haer
+versoek, haer de behulpsame hand heeft geboden, ende door den Fiscael
+eenen Minne uyt hare Stadt doen halen, die by het Hof met den Swaerde is
+geexecuteert? Ende indien men die of diergelijke tutele den Hove wil
+toeschrijven, dat en sal 't niet refugieren toe te staen, hoewel 't noyt
+selve in sulke termen heeft gesproken, noch ook van meninge is te
+spreken, om gene verdere lasteringen op den hals te halen. Gelijk dan
+ook noyt 't selve geseyt en heeft, dat het is Pr&aelig;ses provinti&aelig;, versien
+met eene egale maght, als in oude tyden de Pr&aelig;sides inde overwonnen
+Provintien hadden. Want in sommige delen heeft het Hof minder, in
+sommige weerom meerder. Als daer in meerder, dat'et recht doet tusschen
+en over Steden, selfs sitplaets hebbende in de Staten van Holland: daer
+ter contratie de pr&aelig;sides provinciarum sulx niet en hadden, maer
+gereserveert was tot het oordeel van de Keiser. Waer van veele exempelen
+bij de munimenten van de ouwe Schryvers te vinden sijn.</p>
+
+<p>Maer om eens op te halen, waer van daen dese Parnas-bende de occasie
+genomen heeft, het Hof aen te wryven dese calumnie, van sich te
+qualificeren Pr&aelig;sidem provinci&aelig;, soo is het inder daed soo, dat Mr.
+Willem Stoop, Schout van Dordrecht, schriftelik dolerende over sijne
+suspensie, by het Hof gedaen, poseerde twee saken, van welke het eene
+<span class="pagenum">
+ <a id=page8
+ name="page8">
+</a>[Pag. 8]
+</span>
+was, dat
+hem by den Hove ware gelast, op de Articulen hem voorgehouwen werdende,
+soo te antwoorden, als hy met de Ede sou konnen verklaren. Het tweede,
+dat hy niet en wist, wie voor het Hof syne beschuldigers of aenklagers
+ware geweest. Waer op by Commissarisen vanden Hove is geantwoord, dat
+het eerste eene loutere onwaerheyd was, ende sodanige eene onwaerheyd,
+die genoeghsaem sich selven refuteerde. Want dat het eene seer bekende
+sake was, dat niemand wierde gelast onder Ede te verklaren, die tot
+sijnen eygen laste wierde gehoort. Soo dat hy een Rechtsgeleerde ende
+Officier sijnde men niet ken denken sodanigen saek te <i>ignoreren</i>, ende
+te vergeefs men dieshalven sou gesoght hebben hem met eene Blaes met
+bonen vervaert te maken. Op het twede is by gemelte Commissarisen
+geantwoord dat het niet nieuw en is, dat jemand sonder aanklager ofte
+beschuldiger wierde gecondemneert. Ende dat daer in tot een exempel kon
+dienen <i>Claudius Gorgus, quicum esset vir Clarissinius, nemine
+accusante, lenocinii damnatus est a Divo Severo.</i> Waar van wy den text
+hebben in <i>l. 2. &sect;. 6. de aduls</i>. Daer is by gevoeght, dat tot deselve
+wijs van Procederen behoort, het gene wy in jure hebben geordineert de
+Pr&aelig;sidibus, <i>curare nempe eos debere, ut malis hominibus provincia
+careat, eosque conquirant</i>. Waer van de text is in <i>l. 13. ff. de
+officio prasidis</i>. Waer mede over een komt het gene dat'er staet in <i>l.
+4 &sect; 2. ff peculat. Mandatis cavetur, ut Prefides Sacrileges, latrones ,
+plagiarios conquirant, &amp; ut quisque deliquerit, in eum animadvertant.</i>
+Illis enim qui conquirere tenentur, non est expectandus accusator.
+Cesiantes enim in inquirendo mandata Principum transgediuntur, &amp; in
+animadversionem eorum incurrunt. Indien men nu hier uyt magh besluyten,
+dat'et Hof is de Keyser Severus, soo magh men oock wel daer uyt
+besluyten, dat het Hof is Pr&aelig;ses provinci&aelig;, ende dat Holland als eene
+geconquesteerde Provincie aen het selve onderworpen is. Maer soo het
+eerste niet geseyt of geconcludeert en kan werden, als by geprosesside
+Sottebollen, alsoo ook niet het twede. Wie heeft oyt dus geargumenteert,
+soo heeft de Keyser geprocedeert, ende soo heeft geprocedeert de Pr&aelig;ses,
+ende soo oock procedeert het Hof, ergo soo is het Hof de Keyser, of het
+Hof is de Pr&aelig;ses. Maer seer wel, soo heeft de Keyser geprocedeert, en
+soo heeft geprocedeert de Pr&aelig;ses, ergo en is het niet nieuws dat het Hof
+mede soo procedeert, mits evenwel blyvende yder in de palen van sijne
+Jurisdictie. Gelijck het Hof in dese saeck van Mr. Willem Stoop heeft
+gedaen, obseiverende
+<span class="pagenum">
+ <a id=page9
+ name="page9">
+</a>[Pag. 9]
+</span>
+daer in hetgene Keyser Carel tot
+tweemalen heeft geordineert eerst in de Instructie van den Hove
+ge&euml;maneert in den jare 1521, ende daer na inden jare 1531. Daer wel
+uytdruckelick staet: <i>De Stadthouwer Pr&aelig;sident en Raden sullen
+naerstelick monsteren, om te vernemen de abusen ende delicten vande
+Bailluwen, ende andre Officiers, ende deselve gehoort sijnde te
+corrigeren, na exigentie van saken.</i> Alwaer wel uytdruckelick
+gedefinieert is wie dat inquireren en corrigeren sullen, namentelick de
+Stadthouwer Pr&aelig;sident en Raden, sonder de minste mentie van Fiscael,
+Aenklager ofte Beschuldiger. Daer na de last, <i>sullen inquireren</i>, ende
+oock; <i>naerstelick</i> sonder dissimulatie. Ten derden, de ordre die
+geobserveert moet werden. Als eerst, <i>inquireren</i>; ten tweden, <i>hooren</i>,
+ten derden <i>corrigeren</i>, sonder de minste mentie te maken van Proces,
+het sy ordinaris of extraordinaris. Het welcke dewyl men siet dat dit
+klemt, soo souw men garen de gantsche Instructie, als een ouwt kleed dat
+afgesleten is t'eenemael verwerpen, alsoo Keyser Carel selve sou seggen,
+<i>dat by sich niet en kon inbeelden dat dit alles nu langer geobserveert
+wierde, dewyl nu de Souvereyn altijd tegenwoordig is</i>. Maer hoe sober
+dese solutie is kan licht daer uyt afgenomen werden, dat op den eersten
+rechtdagh van 't jaer de Instructie van den selven Keyser werd
+vernieuwt, ende by de Suppoosten wederom besworen. Gelijck dan de Heer
+de Groot in sijne tijden het selve verscheyde malen heeft gedaen: welcke
+eer de Wetten van Justinianus noyt hier te Lande hebben gehad. Ende of
+niet het voorengemelde Articul in volkomen observantie is geweest binnen
+den tijd van dertigh veertigh en meer jaren, souwen de exempelen van
+veel Schouten en Bailluwen konnen aenwijsen, indien 't niet te langwylig
+en ware. Ik sal verder vragen, als Heer de Groot heeft voorgenomen te
+handelen en aen te wysen, <i>Qua in bello fuerit, post bellum sit
+Batavorum respublica</i>, of hy niet wel en had behoren aen te wijsen dat
+dese Instructie was geabollert en in ongebruyck geraakt? Maer
+mentioneert hy daer wel een woord van? Ja en seyt hy niet ter contrarie;
+<i>Ordines eandum semper non rempublicum modo, sed &amp; reipublica faciem
+retinuerunt</i>? Waer komt dan dese abolitie van de Instructie ende
+vernietinge van daen, als dat die onder hare cramery in hare mersch niet
+en past? Alia tempora, alii mores: te voren sprack men van ordre,
+reglementen, van eenigheyd, nu roept men allesints met luyder kelen niet
+anders als van liberteyt en vryheydt, soodanigh dat men tusschen die en
+ongebondenheyd geene
+<span class="pagenum">
+ <a id=page10
+ name="page10">
+</a>[Pag. 10]
+</span>
+onderscheyten maekt. Wat my belanght,
+ick ben in vreedsamige tyden, ende oock in een vry Land gebooren. Ende
+gelijck ick hoop in vreedsamige tyden, alsoo hoop ick oock in een vry
+Land te sullen sterven. Soo ver oock, dat ick van die hope ben, dat noch
+ick, noch mijne kinderen, sal ofte sullen behoeve te sien, dat'er een
+Hollandsch Romen sal opstaen, daer de andre leden onder souwen moeten
+suchten. Sed ut sub specie boni &amp; qui perniciose quandoque erratur, ita
+sub specie libertatis saepe saevissima servitutis iniiciuntur vincula.
+Waer van om &acirc;ndre voorby te gaen, de Monicken ons exempelen genoeg
+geven, die groote liberteyt belovende, jonge of onervarene luyden uyt de
+gehoorsaemheid van ouwers of voogden trecken, ende in een eeuwige
+slavernye van het Klooster leven daer naer verdrucken, daerse van ouwers
+of Magistraet noyt uyt gereddert en konnen werden. Ende siet eens of
+hier niet na en sweemt het doen van de gene die nu tot Dordrecht het
+Oppergesagh hebben. Die quansuys de Borgers willen schijnen vry te
+maeken van het oppergesagh van Stadhouwer Praesident en Raden, maer
+alleen om dat sy alleen souwen mogen na haer believen heerschen, d'andre
+van hoger hand met alle gene hulp en hadden te verwachten. Want al dit
+gewoel, waerom men het Land in roeren stelt, en is niet om de arme en
+onnosele Burgers in meerder vryheyd te stellen, maer op dat de geene,
+die nu het meesterschap menen in handen te hebben, inde Schaepskoy wat
+vryer en ruymer souwen mogen domineren, ende hare schotels met het vet,
+ende hare lendenen met de wol wat rijckelijcker te konnen versien. Ende
+om dat'er sijn die haer selven niet garen tot eene proy souwen
+overgeven, daerom heft men sulck een geschreeu op, daerom heeft het Hof,
+dat haer inde weegh is, de lever gegeten: daerom werpe men sulck een
+gesnater uyt: <i>Dat'er geen reguard meer genomen en werd, of de Rechter
+en aengeklaeghde malkander te nabestaan, ende de Berichter partye, ende
+partye Berichter was: dat het axiame Extraterritorium, aut sine
+auctoritate jus dicenti impune non paretur: dat, Deliberante principe
+nihil esse innovandum, wierden met de voet getreden.</i> Maer om de
+waerheyde te seggen, veel geschreeus en weynigh wol. Want hoe kan men
+met eenige waerschijnlickheyd seegen, dat in al het Dortsche werck de
+Aenklager ende Rechter malkanderen te na hebben bestaen, daer het notoir
+is dat geen recht by 't Hof en is gedaen, als alleen inde saek van den
+Schout, en welke nochtans, als te voren is geseyt, gene aenklager en is
+geweest. Wat
+<span class="pagenum">
+ <a id=page11
+ name="page11">
+</a>[Pag. 11]
+</span>
+men nu met het woord <i>Berichter</i> wil
+verstaen, is my onbekent, dewijl sulx in de Neerlandsche styl van
+procederen niet en is bekent, gelijck ik mede niet en weet, dat in de
+Roomsche rechtspleginge yet diergelyx bekent is geweest. Maer dat kan
+ick seggen, dat by aldien yemand in het Hof souw hebben gesustineert
+duplicem personam, van welcke d'eene tegens d'andre streed, dat sulx
+singulierlik souw sijn gestraft geweest. Ende sulx die dat seyt sonder
+nader bewys een Calumniateur is. Dat geseyt werd <i>Extra territorium jus
+dicenti impune non paretur</i>, hoe kan dit hier plaets hebben, daer het
+Hof in dese saek van Stoop recht gedaen heeft hier in den Haegh, inde
+ordinaris residentie plaets, van over eenige honderd jaren daer voor
+bekent. Immers soo inept is het dat men seyt <i>sine auctoritate jus
+dicenti</i>. Want wien is eene Officier ratione officii anders onderworpen,
+als den Hove van Holland, wat men nu ten laetsten daer by voeght,
+<i>Deliberante principe nihil esse innovandum</i>, dat komt hier in 't minste
+niet te pas, dewyl 't van het eerste begin dat die van Dordrecht dese
+saek voor de Heeren Staten hebben gebraght, gedecideert is. Want
+syluyden versoeckende, dat het Hof geordineert sou werden stil te staen,
+soo en is 't selve versoeck niet ingewillight. Ende naderhand, het selve
+versoeck geitereert sijnde, is bij de voorgaende Resolutie
+gepersisteert. Ende vervolgens is verstaen, si non expresse, saltem
+tacite, dat het Hof souw mogen voortgaen. Het welke die van Dordrecht
+daer na, maer te laet merkende, dat het hen obsteerde hebben versocht,
+dat die notulen uyt de Resolutien van de gemelde Heeren Staten souwen
+mogen werden gelight. Het welk hen, te laet opsijnde, geweygert is. Soo
+dat daer uyt blijkt, dat hoewel op de saek ten principalen nader
+deliberatien souwen mogen komen te vallen, dat evenwel die by de Heeren
+Staten is gedetermineert, voor soo veel als de surchance ofte voortgangh
+der proceduyren van 't Hof aengaet. Daerom, soulageert vry de Dordsche
+vriendetjes ,et dot <i>Deliberante</i>, het sal haer immers soo wel helpen,
+als een papje na de dood.</p>
+
+<p>Dese gedreyghde surchance dan uyt de weegh sijnde, isser te recht verder
+voortgegaen met informeren, tot dat van de klachten consterende, de
+eerste nominatie is gerejecteert, tot groot milcontentement van dese
+Parnas bende, dewelcke sustineert, dat sijne Hoogheydt het recht niet en
+heeft om in die saek te informeren, veel min om die nomenatie te niet te
+doen, voornamentlick voor en al eer men partyen daer op hadde
+<span class="pagenum">
+ <a id=page12
+ name="page12">
+</a>[Pag. 12]
+</span>
+gehoort.
+Soo dat men nu in alle Vierscharen wel moght uitwissen, de seer bekende
+spreuke, <i>Aude &amp; alteram partem</i>. Het welke, hoewel het in haer selven
+sijn poincten van gene seer diepe speculatie, soo maektmen nochtans daer
+seer groot bohey van, soo dat die niet verby gegaen en konnen werden. Om
+dan daer af yet te seggen, soo sal ik pr&aelig;mitteren, sijne Hoogheyd van
+den ophef van dese saek niet van meninge te sijn geweest, eenige
+proceduyren aen te vangen, ende dat hy sulx ook aen de Commissarisen
+heeft verklaert, als hy hen de Articulen, in welke de beswaernissen
+begrepen stonden, terhanden stelde. Het welke ook Commissarisen ter
+Vergaderinge hebben bekent gemaekt, wel expresselik daer by voegende,
+dat de meninge niet en was van sijne Hoogheydt of van den Hove, om
+civilic ofte criminelik te ageren, maer datmen alleen verseerde in een
+naekt ondersoek van waerheydt, op dat sijne Hoogheyt de klaghten, by
+eenige Burgers van Dordrecht gedaen, niet lightvaerdigh souw verwerpen,
+of ook de nominatie door sijne electie sou komen te approberen, indiense
+misschien informeel moghte sijn. Soo dat hier de questie is, of soo een
+bloot ondersoek van waerheydt daer gene rechtspleginge op en staet te
+volgen, sijne Hoogheydt heeft mogen doen of niet. Eer ik hier yet op
+segge, soo sal ik pr&aelig;mitteren, dat gelijk de nominatie de Dekenen
+toekomt, van de Mannen van achten, dat alsoo mede aen sijne Hoogheydt de
+electie toekomt. Dat is gelijk de Dekenen sijn gehouwen eene rechte ende
+deughdelijke nominatie te doen, dat alsoo mede sijne Hoogheydt eene
+rechte ende deugdelijke electie. Nam paria sunt, aliquid non facere, &amp;
+non facere debite &amp; legitimo modo. Sal nu sijne Hoogheydt debito &amp;
+legitimo modo sijne electie doen, soo moet hy ook toesien niet alleen,
+dat hy in sijne electie niet en exorbiteert, maer ook, dat hy die niet
+en doed uyt eene nominatie, die informeel ende onwettigh is; alsoo uyt
+eene informele nominatie gene wettige electie en kan gedaen werden:
+Immers al soo weynigh als eene electie kan gedaen werden sonder
+nominatie: dewijl het geen informeel is, niet meer geacht werd, als of
+het gansch niet en ware. Ende daerom soo sal ik seggen, dat sijne
+Hoogheydt seer wel heeft vermogen, ja gehouwen is geweest, op de
+waerheyt van de klaghten hem overgelevert, te informeren, het sy selve
+ofte ook door andre, Nam qu&aelig; per alios facimus, ipsi facere videmur.
+Quia nobis impellentibus fiunt. Nu is het soodanigh, gelijk Cicero seyt
+Officiorum primo, <i>inprimis homini propriam esse veri inquisicionem
+atque investigationem</i>; ende, <i>Falli, errare, labi, decipitam dedicere,</i>
+<span class="pagenum">
+ <a id=page13
+ name="page13">
+</a>[Pag. 13]
+</span>
+<i>quam
+delirare &amp; mente captum esse</i>, is het, segh ik, soodanig, waer past het
+beter de waerheyt te ondersoeken, als daer men verseert in saken van
+Staet, en daermen verseert in 't bestellen van de Magistrature, aen
+welke het welvaren hanght van Landen ende Steden? Ende is het soo
+schandelick te missen, vallen, bedrogen te werden, wien voeght sulx
+minder, als personagien van soo eminente qualiteyt, als is sijne
+Hoogheydt? Indien men hem wil constringeren om sonder onderscheydt, uyt
+alle nominatien, hoedanigh die ook souwen mogen sijn, electie te doen,
+soo sal men hem bedwingen in sulk een perk, uyt het welk hij sich niet
+en sal konnen redden, sonder mis te tasten, ende sonder den Lande grote
+ondienst toe te brengen. Het welk van de grootste iniquiteyt niet te
+excuseren en is. Alle menschen, soo ver sy met vernuft begaeft sijn, en
+sullen niet yetwes van eenige importantie sijnde, by de hand nemen, of
+sy sullen niet alleen inquireren, ondersoeken en overleggen hoe het in
+haren boesem gelegen is, wegens het gene sy voor hebben, maer examineren
+ook het gene buyten haer is, namentlik offer gene obstaculen sijn, die
+haer souwen konnen verhinderen. Gelijk yemand, die eene reys buyten
+s'Lands meent aen te nemen, overleyt niet alleen, of dat nut voor hem
+sal sijn, maer ook, of hy wel Schuyt en Wagen, tot sijne dienst sal
+konnen krijgen; of de wegen door vyanden of stroopers niet beseten sijn,
+met noch vyfentwintigh andre dingen meer. Maer soo syne Hoogheydt yet
+diergelyx doed, en dat in eene sake van het groote gewichte, handen
+vande bank, dat sijn regalien, dat en komt hem niet toe, of moest
+bewesen werden, dat het hem specialick vergunt was. Maer my belangende,
+soo wil ik wel eens gevraeght hebben, waer het ondersoeken, informeren,
+of horen van getuygen, een speciael regael werd genoemt, 't sy by de
+ouwe Schryvers, die de consuetudines feudorum by een gevoeght hebben, of
+die haer naderhand op dat spoor sijn gevolght. Ende geen speciael regael
+sijnde, soo en kan het niet wel speciael gegeven geweest sijn. Ja ick
+sal meer seggen, dat het gene yder een toekomt jure naturali &amp; omnibus
+communi, gelijk als dit doed, geen regael en is, ende ook niet sijn en
+kan, of de natuer self moest omgekeert werden. Ende by exempel, de
+verklaringen, die genomen werden, ad perpetuam rei memoriam, gelijkenen
+die wel regalien! Als, neemt dat ik aen een stuck leengoeds yet te kost
+geleyt hebbe, het welk ik sou konnen
+<span class="pagenum">
+ <a id=page14
+ name="page14">
+</a>[Pag. 14]
+</span>
+repeteren, indien 't quame te
+vervallen, ende op dat daer van t'alled tijden souw mogen blijken, ik
+voor Notaris en Getuygen, of voor eenigen Rechter, doe verklaringe
+beleggen, usurpere ik daer mede regalien? Wie heeft oyt sulx gehoort? Wy
+weten, dat jurisdictie te plegen, dat sijne Hoogheydt binnen Dordrecht
+niet en heeft gepretendeert, een regael is, maer in het minste niet het
+simple ende eenvoudige hooren van getuygen. Daerom, als, ten tijde van
+Jan de eerste, sekere Baillu van Zuyt-Hollant begeerde met Schepenen van
+Dordrecht <i>te ondersoeken op sommige saken ende misdaden</i> (welk men doen
+plagh te noemen, stille waerheydt besitten) <i>die tot Dordrecht waren
+geschiet</i>, soo hebben deselve Schepenen sonder eenige discepatie,
+<i>toegestaen voor die reyse met hem te sitten, niet om te oordelen en
+rechten, maer om te ondersoeken</i>. Als wel wetende, dat het selfe
+<i>ondersoeken</i> henluyden in hare jurisdictie gene prejudicie en gaf:
+<i>quia judicium a citatione</i> ut pragmatici loquuntur, <i>initium sumit</i>. Of
+soo Justinianus spreekt &sect; finali. De p&aelig;na temere litiguntum: <i>Omnium
+actionum instituendarum principium ab ea parte Edicti proficiscitur, qua
+Prator edicit, de la jus vecando</i>. Maer als de Graef selve over hare
+Borgers recht spreken ende oordelen wilde, soo hebben Schepenen, die te
+voren soo facyl tegen den Baillu waren geweest, sich selven wel
+ernstelick daer tegen gekant: Seggende:</p>
+
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Onse Handvest segget wel</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Dat wy ende niemand el</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Recht ende vonnes seggen mogen,</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Over onse Poorters van lagen van hogen.</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Deese vryheyd gaf u oude Vader</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Coninc Willem, die wy allegader</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Hebben bezegelt en beschreven,</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Dus ons van uwen ouwers bleven.</i></span><br>
+
+<p>Het welke veele onlusten gebaert en haer in veele swarigheden heeft
+geinvolveert, die sy standvastigh hebben uytgestaen, daerse niet
+difficyl aen den Baillu, als hy niet verder en pretendeerde als het
+<i>ondersoecken</i> ende horen van getuygen, haer hebben getoont. Ik weet
+wel, datmen ook kan informeren om een begin van een Proces te maken, het
+geen hier niet alleen niet en is geschiet, maer waer tegen men altydt
+heeft geprotesteert.
+<span class="pagenum">
+ <a id=page15
+ name="page15">
+</a>[Pag. 15]
+</span>
+Ende sulcx doet men ongelijck aen
+sijne Hoogheydt; datmen hem uytmaeckt voor eene Usurpueur van eens
+anders Jurisdictie. Waerom en siet men hier niet in, als men in andere
+saken gewoon is te doen, faciendi causam? Volgens den wel bekenden
+regel, <i>Nonfactum, sed facienda causa inspicienda est.</i> Want soo leert
+ons Ulpianus in l. 39. ff. de furtis: <i>Verum est, si meretricem, alunam
+ancillam, rapuit quis, velcelavit, furtum non esse. Nec enim factum
+quantur se causa faciendi. Causa autem facienda libide furt, non
+furtum.</i> En soo en heeft het informeren van sijn Hoogheydt gene andre
+oorsaeck gehad, als de begeerte van de waerheydt, ende niet usurpatie
+van jurisdictie. Gelijck oock het vervolg heeft getoont. Nu voortgaende
+sal ick seggen, hoewel dese dingen genoegh sijn om volkomentlick het
+recht van sijne Hoogheyt te adstrueren, soo sullen even wel wy eens
+aenschouw nemen, wat de beschreven wetten disponeren, 't gene tot
+beweringe vande selve saek souw mogen dienen. Ende daer vinden wy dan in
+jure Canonico, dat de gene die het confirmeren van een gekoren Prelaet
+toe komt, oock toekomt het ondersoeck vande keur of electie, en ook
+vande bequaemheyt van den gekoren persoon. Ende anders geschiedende, soo
+heeft plaets dat'er gestatueert is in <i>Cap. Nihil est 44. extr. De
+election. Non solum deiseiendus est indigne promotus, verum &amp; indigne
+promovens punlendus.</i> Op welcken text Pinormitanus aenteyckent: <i>Debet
+confirmator inquirere de electionis forma &amp; meritis electi: &amp; hodie
+facta confirmatione sine causa cognitione, est ipso sure nulla.</i> Nu soo
+sich heeft de confirmatie tot de electie, soo heeft sich ook de electie
+tot de nominatie. Sulx dat men van het eene tot het andre valide magh
+argumenteren, ende seggen, het gene plaets heeft in het eene, oock
+plaets moet hebben in het andre. Ende gelijck die de confirmatie heeft
+oock moet inquireren op de voorgaende electie, oock soo moet inquireren,
+die de electie heeft, op de voorgaende nominatie. Dewyl daer deselve
+reden is, oock het selve recht moet plaets hebben. Maer hier tegen
+schrijft, soo men seyt, de Heere de Groot, dat Justinianus verklaerde,
+<i>dat dat maer alleen inde Kerckelicke bedieninge, onder den Paeus,
+plaets hadde, ende het selve aen sijne Wetten geene prejuditie te
+geven.</i> Dan ick geloof dat het dien goeden Heer inde memorie sal sijn
+geslagen, nu niet meer geheugende het gene hy te voren geweten heeft,
+dat geschiet inde Classicale Vergaderingen, na het beroep. Namentlick,
+dat daer mede werd ge&euml;xamineert de beroepinge ende beroepenes qualiteyt
+<span class="pagenum">
+ <a id=page16
+ name="page16">
+</a>[Pag. 16]
+</span>
+beyde.
+Ende nu niet meer geheugende het gene hy te vooren van het Geestelijcke
+of Canonyke recht selfs heeft geschreven. Als mede dat hy aen
+Justinianus het meeste gelijck niet en doed, niet eens gedenkende dat
+Justinianus selfs is de gene, die het fundament van het Canonyke recht
+heeft gelegt. Want dit recht is originelick gesproten uyt de besluyten,
+regulen ofte canones inde Synodale Vergaderingen beraemt ende vast
+gestelt. Welcke, alsoose te vooren in sich selven ingesien, van
+politique macht ende auctoriteyt waren gedestitueert, soo heeft
+Justinianus die, d'allerste, daer by gedaen gevende haer de auctoriteyt,
+die sijne andre wetten hadden, als men sien kan in sijn Novella 131. Het
+welck dan is geweest het begin van het jus Canonicum. Waer op gevolgt
+is, dat inde verdere tyden de Keisers selve, ofte uyt haren naem hare
+Volmagtigde inde Concilien ofte Synoden hebben de gepresideert, der
+selver Decreten ook, alsde voorgaende, kracht ende autoriteyt bekomen
+hebben, hoewel datse van de gene niet in schrift geredigeert en zijn,
+die macht hadden om Wetten te maken, moetende de Keisers als aucteurs,
+ende de Schrijvers als ministers geconsideruert worden. Waer naer daer
+by gevoeght zijn de Decreten van de Pausen, die op sekere voorvallen
+zijn of wierden geconsulteert, tot welcke Gregorius de IX. verscheyden
+dingen, genomen ex jure civili, heeft bijgevoeght, self van sodanige,
+daer hy niet van geconsulteert en wierde. Waer naer van d'een en
+d'andere noch jet is aengelapt. Ende dit dan soo zijnde, wilde ick wel
+eens gevraght hebben, of Justinianus sichs selvens niet soude vergeten
+hebben, als hy alle auctoriteyt aen het jus Canonicum souw schijnen te
+derogeren? Ende het niet eer te geloven is, dat hy Justinianus hier in
+niet wel en heeft verstaen? Wat nu de Heer de Groot selve aengaet, die
+hier toont sich selven niet meer te kennen, ofte ten minsten te geheugen
+wat hy voor desen van dit recht heeft gehouwen, soo sullen wy hem in
+fijne swackheyd te gemoed komen, en helpen herdencken, wat hy voor desen
+van dit Canonyke recht heeft geoordeelt. Hij verhaelt dan in het derde
+Boeck De jure belli cap. 12. met veel lof, dan met inde Neerlandsche
+oorlogen, de limit of frontierlanden, betalende sekere contributie, aen
+wederzyden heeft gecultiveert. Ende hy voeght daer by, <i>Hos mores
+humanitatis magistri Canones Christianis omnibus, ut majorem ceteris
+humanitatem debentibus ac profitentibus imitandes proponuns.</i> Ende om te
+bewysen dat sulcx descendeert ex jure Cononico, soo allegeert hy daer
+toe cap. 2. extr. de treuga
+<span class="pagenum">
+ <a id=page17
+ name="page17">
+</a>[Pag. 17]
+</span>
+&amp; pace. Het welck een decreet is
+gestatueert in Concilio Luateranensi, ten tijden van Alexander de derde.
+Soo dat klaer blijckt, dat hy daer het jus Canonicum ver stelt boven het
+jus Civile of Justinianeum. Gelijck hy het selve mede doed in het twee
+deel van het eerste Boeck sijns Hollandsche Rechtsgeleertheyds. Want na
+dat hy van het Roomsche Recht gesproken heeft, gebruyckt hy dese
+woorden: <i>Gelijk ook daer na gebeurt is, dat eenige saken in meerder
+billickheyd zijnde overleyd</i>, als wel Justinianus heeft gedaen, <i>by een
+groot deel der Christenheyd jet nader aengenomen, ende seer oneygentlik
+bekomen hebbende de naem van Geestelijke of Pauselicke Rechten, ook in
+dese landen kracht van Wet heeft bekomen</i>. Waer uyt wy dan besluyten,
+dat het gene hier te voren ex jure Canonico is geallegeert wel ende te
+recht geallegeert is, ende hier te lande in desen ook plaets moet
+grypen, voornamentlik, daer in beyde de gevallen de selve rede
+militeert. Want dat is seker, dat de formaliteyten in het politijc soo
+wel als in het ecclesiastijc moeten werden geobserveert, alsoo die
+genegligeert zijnde, soo wel in 't eene als in 't andere, alle actitata
+komen te vervallen. Ende soo wel als het opsprakelik is, jemand
+onbequaem zijnde, te vorderen tot kerkampten, alsoo wel is het mede
+opsprakelik, jemand tot politike digniteyten te vorderen, die der selver
+onbequaem souw mogen zijn. Soo dat het geene expres gestatueert is in
+approbatione; ex identitate rationis mede moet gerecipieert werden in
+electione. Ende al waer het schoon, dat wy dat fundament in jure
+Canonico niet en hadden, zijn wy daerom gedestitueert van andere ex jure
+civili? Is het niet soo wel eene regel juris civilis quam Canonici: <i>Qui
+vult consequens vult &amp; antecedens?</i> Ende wederom, <i>Concesso aliquo etiam
+ea concessa videntur, sine quibus illud expediri non potest?</i> Het welk
+ook soo verregaet, dat al waer het, dat de uytvoeringe vande commissie
+niet en kon werden ge&euml;xecuteert, sonder 't exerceren van regalien. Want
+dat selve werd dan verstaen mede inde comissie begrepen te zijn, als te
+sien is by Rosenth. de Feudis cap. 5. concl. 14. n. 6. Het welk ook de
+leer is van Cumanus, Zafius, Mozzius en andere. Staetmen sijne Hoogheyd
+de electie toe, soo moetmen hem ook toestaen het gene sonder het welk hy
+de electie niet en kan doen, ofte dat het selve is, niet behoorlik en
+kan doen, dat is informeren op alles dat ontrent het selve subject te
+indageren staet. En wil men daer van eene text ex jure civili, men sal
+die vinden genoegsaem in terminis leggende, in l. 4. C. si contra jus
+vel utilitatem
+<span class="pagenum">
+ <a id=page18
+ name="page18">
+</a>[Pag. 18]
+</span>
+pub.
+daer de Keiser Constantinus rescribeert in deser voegen: <i>Eisi non
+cognitio sed excecutio mandatur, de veritate precum inquiri oportet, ut
+si frans intervenerit, de omni negotio cognoscatur.</i> De saek is dus
+gelegen geweest: op de supplicatie van seker persoon, heeft de Keiser
+last gegeven aen Pompejanus Consulatis Campani&aelig;, die doe onder den
+Keiser dat quartier van Italie regeerde, dat sekere sententie, ten
+voordeele van den suppliant, soude ter executie leggen, sonder jet meer
+daer by te voegen. Pompejanus het werk by de hand nemende, bevind dat
+'et soo glad niet en gaet, maer gelijk het schijnt, datter oppositie
+valt. Derhalven vind Pompejanus sich verlegen, als siende dat sijne
+commissie niet verder en ley, als om te executeren, ende dat aen dit
+werk wat meerder vast was, als eene simpele en blote executie. Ende
+daerom neemt Pompejanus sijn recours tot den Keiser, gelijk sijne
+Stadhouwers, in alle voorvallende swarigheid, gewoon zijn geweest te
+doen: ende sulx soo geeft hy hem te kennen, hoe 't met die saek gelegen
+was. Waer op nu de Keiser antwoord, hoewel hem met expresse woorden niet
+en was aenbevolen, kennisse te nemen ende te oordelen vande saek self,
+maer dat sijne commissie niet verder en sprak, als van de executie, dat
+hy evenwel behoort te inquireren ende ondersoeken op de waerheid van het
+te kennen geven van den Suppliant, ende soo hy bevind datter eenig
+bedrog mede vermengt is, ende dat de Suppliant den Keiser geabuseert
+heeft, dat hy Pompejanus dan sal kennisse nemen vande geheele saek, ende
+die determineren. Dit nu in effect zijnde het gene de Keiser verstaen
+heeft, gaet nu heen, segt dat het inquireren een regael is, datmen 't
+niet mach excerceren sonder expresse commissie, dat sijne Hoogheyd de
+nominatie niet mach voor onwettig verclaren, ende diergelijke moye
+dingen meer. Maer siet eens of al dit getuyt niet en komt te vervallen
+door dese eene Wet van Constantinus alleen. Ende om noch verder te gaen,
+indien sijne Hoogheyd, uyt dese lieve nominatie, electie hadde gedaen,
+ende daer mede deselve nominatie geapprobeert, wat soude men daer af
+hebben moeten oordeelen volgens de dispositie vande Roomsche Wetten? sou
+men niet moeten seggen, dat hij qualick hadde gedaan, ende het gene niet
+en behoorde? Buytentwyffel, ja. En so men daer af begeert eene Wet, ik
+salse mede geven genoegsaem in terminis, zijnde in ordre de twaelfde sub
+titulo Digestorum de appellationibus. Maer tot illucidatie van dien sal
+ik voor af seggen, antequam aliquis Duumvir crearetur, indici debuisse
+<span class="pagenum">
+ <a id=page19
+ name="page19">
+</a>[Pag. 19]
+</span>
+concilium publicum, qu&aelig; indictio in
+eo negotio requisita fuit solemnitas, soo als ons aengewesen werd in l.
+Nominationes. C. de appellat. Nu is het gebeurt, ut omissa illa
+solemnitate, nulloque actu ex lege habito, aliquis popularium vocibus
+Duumvir postularetur. Waer toe de Stadhouwer sijn advoy ende consent
+mede heeft gegeven, soo dat dien het duumvirat overdrongen was, goed
+gevonden heeft te appelleren. Maer wat seyt de Jurisconsultus Ulpianus
+daer van in illa lege duodecima? In 't reguard van den Stadhouder, <i>Eum
+comfontire non debuisse</i>, ende in reguard van den opgeworpen Duumvir,
+<i>in re aperta appellationem esse supervacuam</i>. Want alles was nul en
+krachteloos, soo wel de proceduyren van 't volk, als het advoy en
+consent vande Stadhouwer. En waerom doch nul? Niet om dat'et sou gedaen
+zijn by die gene, die gene nominatie of electie, of recht van cre&euml;ren en
+hadden, meer om dese eene informaliteyt, dat die gerequireerde en
+solemnele convocatie niet en ware voorgegaen. En hier in 't nomineren
+vande Mannen van achten, hoe is 't daer mede toegegaen? komt het wel op
+eene aen? Om andere informaliteyten nu verby te gaen, is die niet
+geschiet ten overstaen van die daer niet en hadden behooren te wesen?
+Hebben niet mede nevens sommige Dekens eenige Overluyden gestemt, die
+het gans niet toe en komt? sijnse niet overstemt, die niet overstemt en
+konnen werden? Soo sijne Hoogheyd hier sijn advoy ende consent mede
+hadde toegebracht, en souw niet yder een met Ulpiano moeten seggen
+hebben, <i>Eum consentire non debuisse</i>? Maer neen sal men seggen, dit en
+heeft hier gene plaets, want het Gerecht hadde hier alrede in versien,
+ende de nominatie gelegitimeert, ende soo en had hy sulk eene censure
+niet te vreesen. Ja dat is soo dat men 't seyt, want die van Dordrecht
+schrijven sulx publijkelik, en willen 't van yder een mede soo gelooft
+hebben. Ende het is waer ik hoor mede seulken tael, maer die klinck my
+inde oren, als of men seggen wilde, even gelijk een Souverain een
+basterd of onwettig geboren legitimeert, ende neven andre wettig
+geboorne doed passeren, het selve Gerecht also mede bevoegt is, eene
+onwettige en informe nominatie wettig te maken, ende nevens andre
+wettige en deugdelijke, als van een alloy ende valeur zijnde, te doen
+deurgaen. Ende in gevolge al isser overstemminge gevallen, daer gene
+overstemminge plaets kan hebben; al is de nominatie geschiet in
+tegenwoordigheid, ten overstaen ende directie vande gene die de
+privilegien en wetten daer van submoveren; al nomineren
+<span class="pagenum">
+ <a id=page20
+ name="page20">
+</a>[Pag. 20]
+</span>
+mede de
+gene die volghens privilegien gene qualiteyt en hebben, om te nomineren;
+al is de nominatie niet vry geschiet, maer door ongehoorde cuperyen en
+dreygementen geforceert, als maer de aessem van het Gerecht daer over
+gaet, soo vallen alle seeren af, alle leemten verdwynen, en men is van
+alle corruptien gesuyvert, ja soo seer als een duyfje dat de pocken
+heeft, daer immer niet op en valt te smalen. Ende daer mede gaet
+soodanige nominatie deur nevens de beste die van alle ouwe tyden souwen
+mogen sijn geschiet. Is dat niet wel gesuyvert ende gelegitimeert? Ik
+heb dat wel geleert, dat voor desen aen den Souverain het recht van
+legitimeren plagh toe te komen, maer niet aen eenigh subaltern gerecht,
+altijdt niemand en souw voor desen sulx hebben derven sustineren, maer
+onwettige actien en valsche positien voor wettige ende ware te
+verklaren, en weet ik niet dat oyt voor desen eenig Souverain heeft
+gedaen, of oock sijne maght misbruykende, in het toekomende sal willen
+doen. Soo dat de majesteyt van dit Gerecht, soo ver de Souverainiteyt
+van andre hooge machten te boven gaet. Dan dit en is soo seer niet te
+verwonderen, dewijl dit Gerecht al noch yet meerder heeft, dat andere
+Recht-bancken noch Hoven van Justitie niet en hebben. Dat namentlik het
+selve eens geoordeelt hebbende, andermael van de selve saeck magh
+oordelen. Het welcke soo niet en plagh te wesen, als wy in onse
+jonckheyt uyt Terentio hebben geleert. Want wy hoorden den daer Phormio
+spotsgewijse aen Demipho dese woorden te gemoet voeren.</p>
+
+<span style="margin-left: 4em;">At tu, qui sapiens es, Magistratus adi,</span><br>
+<span style="margin-left: 4em;">Judicium de eadem causa iterum ut reddant tibi, </span><br>
+<span style="margin-left: 4em;">Quandoquidem solus regnas, et soli licet</span><br>
+<span style="margin-left: 4em;">Hic de eadem causa bis iudicium adipiscier.</span><br>
+
+<p>Of alle de gene die in dat Gerecht sitten, dese les wel geleert sullen
+hebben en weet ick niet, maer dat tonen sy altijdt, dat die voor dees
+tijdt, haer niet te pas en komt. Want, na dat het selve Gerecht, uyt
+hare absolute en Souvereyne maght, de nominatie, met kennis van saken,
+heeft gelegitimeert, en overgesonden, soo verstaet het dat by het selve
+noch souw staen te examineren, offer in de selve nominatie eenige
+abuysen of informaliteyten waren begaen, indien sijne Hoogheydt, of
+yemand
+<span class="pagenum">
+ <a id=page21
+ name="page21">
+</a>[Pag. 21]
+</span>
+anders, wilden sustineren, dat'er eenige begaen waren. Ende die bevonden
+sijnde, soo souw het selve Gerecht, na desselfs gewoonlicke billickheyt,
+deselve corrigeren en beteren. Ende hier uyt resulteert dan noch eene
+derde pre&euml;minentie boven alle Hoven ende Rechtbancken, dat het soo
+doende, sal oordelen in sijne eygen saeck. Want in 't examineren van de
+informaliteyten, sal mede in consideratie konnen komen, of oock de
+oversendinge van de nominatie wel en op behoorlicke tydt is gedaen. Ten
+anderen, of het hooft van de nominatie niet puyr valsch is, als sijnde
+in 't selve gestelt persoonen in wiens presentie die souw sijn geschiet,
+die daer wel present hadden behooren te sijn, maer inder daed daer niet
+en sijn geweest, ende verswygende, dat'er die present sijn geweest, die
+daer gans niet en hoorden. Ten derden, of niet het Gerechte selfs 't
+geen is geweest, dat de over luyden heeft geauthoriseert op de nominatie
+van de Mannen van Achten present te mogen sijn om door haer, in
+pr&aelig;judicie van de Dekens, de maght van de nominatie in haer gewelt te
+krygen. Ten vierden, of eenige uyt den Gerechte selfs haer niet en
+hebben vervorderd, tegens de wetten aen, niet alleen schandelick te
+kuypen, maer ook Dekenen hebben geforceert door dreygementen ende
+beloften. Siet, alle dese moye dingetjes, en meer andre die het in 't
+geheel heeft gedaen, of voor een goed gedeelte aen heeft geparticipeert,
+die sal het Gerecht oordelen en na meriten corrigeren: ende dat, 't
+geene sonderlinge te noteren staet, na soo eene sine en solemnele
+legitimatie. Ende daer het Hof niet magh oordelen van sijne competente
+jurisdictie, als dese Parnas-bende seyt, daer vermagh het Gerecht van
+Dordrecht dit niet alleen, maer oock alle andre moye fraigheden, hier
+voren verhaelt. Sijn dat niet moye bonen, want sy rollen als erten?</p>
+
+<p>Maer dit, en wat er meer souw mogen sijn, souw men wel schoon en suyver,
+als men seyt, gedilueert hebben (immers soo wel geloof ick alsmen 't te
+voren had gelegitimeert) <i>hadden die van Dordrecht sijne Hoogheydt,
+wegens de gepretendeerde informaliteyten, esclaircessement ofte bericht
+mogen geven, als de Commissarisen van het Hof, aen wiens jurisdictie sy
+haer niet garen getrocken sagen, daer niet tegenwoordigh waren geweest.</i>
+Dan het en schort die lieden daer niet. Want sy weten wel dat die
+Commissarissen in die saeck noyt jurisdictie en hebben ge&euml;xerceert, maer
+ook daer en boven publikelick hebben verklaert, daer in gene jurisdictie
+civilik
+<span class="pagenum">
+ <a id=page22
+ name="page22">
+</a>[Pag. 22]
+</span>
+of criminelick te sullen exerceren. Gelijck oock het soo klaer als den
+dagh blyckt, dat sy 't tot noch toe niet en hebben gedaen, noch van
+meningh en sijn te doen. Maer het bericht, dat men geven wilde, dat
+woude men doen in crepusculo, als de Vleer-muysen en de Nacht-uylen
+beginnen te vliegen, &amp; remotis arbitis. Nu, waerom sy dat soo wilden,
+weten sy selve wel, en die van sinnen niet berooft en is, kan het wel
+lichtelick denken. Om dat men dan gedwongen werd het Auter te ontdecken,
+ende te toonen wat properheden daer onder schuylen, soo moet ick seggen,
+dat sijne Hoogheydt aen Burgemeesteren ende Regenten van Dordrecht
+geschreven hebbende, dat sy eenige uyt den Gerechte wilden senden, om op
+de aengebrachte klachten te werden gehoort, dat'er oock op den 28.
+December 1684. des mergens te negen uyren eenige uyt den selve Gerechte,
+met hare Secretarisen, voor hem sijn verschenen, hebbende hy mede by hem
+daer ontboden degene, die als Commissarisen te vooren te Dordrecht waren
+geweest. Ende na dat de selve Gedeputeerde waren gelast neder te sitten,
+soo hebben sy aen hem overgelevert, hare credentialen. Welcke gelesen
+sijnde, ende hy haer willende vragen, volgens sekere opgestelde
+Articulen, soo is by hen Gedeputeerde geseyt, dat sy van den Out-raedt
+of Vroedschap prohibitive last hadden, om te antwoorden in
+tegenwoordigheydt van Commissarisen van den Hove. Waer op in effecte by
+sijne Hoogheydt is geantwoordt, dat dese sake den Gerechte raekte, ende
+geensins den Out-raed, wiens authoriteyt sy hier te vergeefs
+pretexeerden. Dat daer en boven de geallegeerde last, van niet te
+antwoorden, directelick streed tegens hare Credentialen aen, even te
+vooren overgelevert: Ende indien sy eenige andre last hadden, als de
+Credentialen mede brachten, datse die wilden overgeven. Ende voor soo
+veel de Commissarisen aengingh, dat hy die geassumeert hadde om hem in
+die sake te assisteren, ende nergens anders om. Want, dat hy niet goed
+gevonden hadt haer alleen te hooren, alsoo hy haer kende voor sulcke
+luyden, die ontkennen dorsten, het gene hy wist waer te sijn. Waer by is
+gevoeght, door een van de Commissarisen, dat sy gene de alderminste last
+hadden, om eenige jurisdike actie daer te plegen, maer alleen daer
+gekomen te sijn, als by sijne Hoogheydt alrede was geseyt. Doch op gene
+van alle die redenen en heeft men yet weten seggen, noch oock eenige
+nadre last produceren. En evenwel is men by sijne negative blyven
+persisteren, sonder eene stip
+<span class="pagenum">
+ <a id=page23
+ name="page23">
+</a>[Pag. 23]
+</span>
+te avanceren. Soo dat sijne Hoogheyd
+versocht, dat sy eens in een vertrek wilden gaen, ende met den andren
+consulteren, offe niet de geproponeerde difficulteyt konden over
+stappen, ofte ook nader komen. Maer wederom gekomen zijnde, hebben sy
+inde voorschreve negative blyven persisteren, seggende dat sy alles aen
+hare principalen souwen refereren, ende van het nader geresolveerde
+raport doen. Waer mede dan die sessie is geeyndigt. Maer verwacht
+werdende, dat sy na eene dag of twee, het beloofde raport souwen komen
+doen, ende niet verschijnende, heeft sijne Hoogheyd eene twede missive
+laten afgaen, met versoek, dat sy weder voor hem wilden verschijnen op
+den 2 van Januar. 1685. Gelijk sy dan ook gekomen zijn. Maer hier en
+heeft men nu niet de minste mentie gemaekt, 't geen sonderling is te
+noteren, dat men in tegenwoordightyd van Commissarisen (die doe daer soo
+wel verschenen waren, als te voren) niet en kost ofte wilde antwoorden,
+maer wel ter contrarie, dat men souw verklaringe doen. Dan hoe dede men
+dat? Even als een leger, dat sigh voor sijnen vyand te swak bevindende,
+in het aftreken of retireren, noch wel eens vier geeft, niet soekende
+hoe het vechten souw mogen, maer hoe dattet het vechten mach ontkomen,
+alsoo mede was haer antwoorden. Want die en bestonden niet anders als in
+subterfugien ende cavillatien, die de saek niet en raekten: Als, datmen
+distingueerde, tusschen de wettelickheyd ende de forme van de nominatie.
+Daer nochtans de forme niet anders en is, als de overeenkomste van de
+saek met de wet: ende de wet, niet anders als het rechtsnoer van de
+forme. Sulx dat wettigh te zijn, niet anders en is als te hebben de
+form, die de wet prescribeert. Wederom, datmen antwoorden wilde wel
+generalleck, soo sy seyden, maer niet in specie. Het welk sy soo
+uytleyden, datse souwen verklaren, datter op de nominatie niet en waren
+gebracht vreemdelingen, minderjarige, te na den andere in maegschap
+bestaende, (waer over noyt klachten en waren gevallen) sonder haer
+verder te willen uyten, of op articulen te willen antwoorden. Maer is by
+een van hunne Secretarisen, die mede inde commissie waren versocht, dat
+sijne Hoogheyd hen copie van de articulen wilde geven. Het welke hy
+toestond, indien sy wilden antwoorden. Maer alsoo sy in die conditie
+gene behagen en hadden, soo en hebben sy ook die articulen niet bekomen.
+Ende daer mede is ook die tweede sessie ge&euml;yndicht. Waer uyt dan
+klaerlik blijkt, voor eerst, dat sijne
+<span class="pagenum">
+ <a id=page24
+ name="page24">
+</a>[Pag. 24]
+</span>>Hoogheyd seer onheusselik werd
+getraduceert, als of hy geen bericht van die van Dordrecht had willen
+ontfangen. Ten anderen, dat het Hof hier seer sinisterlik werd
+ingetrocken, even of het selve, door presentie van eenige uyt den haren,
+als die van Dordrecht wierden gehoort, sijne jurisdictie wouw vast
+maken, ende extenderen over dien van Dordrecht. Ten derden, dat die van
+den Gerechte van Dordrecht door dese weygeringe ende onwilligheyd sijn
+geworden veri contumaces en wederhorig, soo dat alle de articulen, op
+welcke sy niet en hebben willen antwoorden, te recht by sijne Hoogheyd
+voor soo veel gehouwen sijn als bekent. Ten sulcken effecte, dat hy,
+gesien hebbende de verificatien vande selve articulen, wel heeft
+vermogen de onwettige nominatie te rejecteren, ende weygeren eene
+electie uyt deselve te doen. Want hoewel het de plicht is van sijn
+Hoogheyd, om uyt een meerder getal de electie te doen, soo is hy evenwel
+het selve niet anders gehouwen te doen, als uyt eene legitime, aen wiens
+forme niet en manqueert, dewyl anders doende, de onwettigheyd vande
+nomanatie, ook influeren souw inde electie. Ende derhalven en souwer
+niet alleen rede gegeven werden te klagen over de nominatie, maer over
+nominatie ende electie beyde. Als hiervoren overgenoeg aengewesen is.
+Soo dat nu hier uyt seer klaer blijckt, wat voor fine lieden het moeten
+zijn, die derven klagen, dat men sijne Hoogheyt niet en heeft mogen
+berichten, ende esclaircissement geven. Indien nu alle dese voorschreve
+redenen ende passagien van rechten eens op den Parnas te voorschijn
+werden gebracht, ende men aen de eene zijde sal beginnen te overwegen,
+wat voor eene bres dese Grotiaensche brief daer deur heeft gekregen;
+ende aende andre zijde, watter al tot voordeel van sijne Hoogheyd werd
+by gebracht, soo en geloof ik niet, dat Barnevelt vande selve meninge
+sal blyven, om namentelik af te wachten de komste vanden Primier, ende
+hem gehoort gebbende, nader te delibereren op het intrecken, ofte
+antiqueren van het jus civile, ofte corpus juris. Want ik geloof dat hy
+met al de bende, overluyd roepen sal, wech met dit gespuys dat ons al
+dese brabbelinge maeckt. Ja ik en kan niet anders dencken, of men sal
+den vromen Oldenbarnevelt komen last te geven; <i>Videat ne respublica
+Parnassicolarum quid detrimenti capiat</i>: ende dat men hem expresse mede
+ordineren sal, dat hy de Justitie representerende maecht de schael met
+het swaerd, 't sy deur finesse, 't sy anders, uyt de handen wringe,
+voort eene schop van achteren geve, ende
+<span class="pagenum">
+ <a id=page25
+ name="page25">
+</a>[Pag. 25]
+</span>
+soo
+late loopen. Want heeft men in voorgaende tyden den stok wel derven
+trecken, ende en souw men het nu niet doen, soo waer wel de Pernas vol
+gecken. Neen, men moet mede toonen, datmen is, ende sich soo niet laten
+over de neus hacken. Doch op dat de plaets van de verschovene sloot
+weder mocht werden vervult, wat waer 'er beter, als daer toe te
+consacreren en te wyen; Mevrouwe <i>Eygesucht</i>? Ende, om daer soo niet
+alleen te pronck te laten staen, als die uytgeworpene slobbe tot noch
+toe heeft gedaen, wat waer 'er gevoeglicker, als datter, na dese tyde
+wijse, tot camerier, <i>Archlistigheyd</i> wierde toegevoeght, versen met
+eene mensch, vol van alle soorten van onwaerheden, gestoffeerde ende
+ongestoffeerde, ende tot Staet juffers de verwloose <i>onbeschaemtheyd</i>,
+met hare suster <i>Snatersnel</i>? Doch voor al diende wel besorght, dat dese
+geheyligde Dame wierde ter hand gestelt eene stempel, waer mede wierde
+getekent, alle woorden, reden, en loyen, die op den Parnas gangbaer
+sullen zijn, ende de selve, van wat alloy of forme die oock mochten
+wesen, te legitineren. op de nieuw uytgevondene manier: verklarende alle
+het verdere voor billoen. Ende soo jemand hier souw willen inbrengen
+andre munt, al droegse het Keisers beelt, dat men hem nieten admittere,
+maer weer omsende. Ende wil hy daer tegen inbinden, dat <i>Snatersnel</i>,
+geassisteert met hare suster, niet op en houwe hem alsoo te bejegenen,
+dat men sijne rede soo weynigh sal komen in achtinge nemen, als men kan
+doen het gesangh vande nachtegael, onder het geschreeuw van de esels. So
+dat het voortaen best sal zijn, dat alle die niet van dese hoogvliegende
+Parnas-vogels en zijn, de vinger op de mond leggen. Nam, quis brachia
+contra torrentem?</p>
+
+<hr style="width: 45%;">
+<br>
+<a name="TOE-GIFT."></a><h2>TOE-GIFT.</h2>
+
+<p>Dewyl het den Missive Schrijver belieft heeft ons te verhalen, wat'er op
+den Parnas is geschiet, soo souwen wy insgelyx hem konnen verhalen,
+wat'er in het Rijck van de Maen, dewelcke, na het gevoelen van
+Xenophanes, mede bewoond werd, is voorgevallen. Ook sommige van onse
+luyden sijn daer al droomende na toe gegaen,
+<span class="pagenum">
+ <a id=page26
+ name="page26">
+</a>[Pag. 26]
+</span>
+gaen,
+ende al droomende weerom gekomen sijnde, hebben dingen verhaeldt, die
+noyt en sijn geschiet, noch geschieden en sullen. Ende soo souwen wy hem
+met gelijcke munt konnen betalen, ten ware dat'et beter was eene ware
+Historie te vertellen, als verdichtselen, die min te achten, sijn, als
+de fabulen van &AElig;sopus, of van den Arabischen Lokman. Ick sal dan seggen,
+dat het inder daed is gebeurt, datter inde maend van October des
+voorleden Jaers 1684. Weynigh dagen voor de onwettig verklaerde
+nominatie van de Mannen van Achten, ten huyse van den Burgemeester
+Francken, in de Voorzael is verschenen een goed ende aensienlick getal
+van Dekenen der respective Gildens. Dat aldaer 't selve rijckelick met
+Wijn is beschoncken, van 's achtermiddaghs te vier uyren tot des avonds
+te seven uyren, en later. Soo dat'er by eenige de Schroef al los
+raeckte, en de men het koelvat mede voor eene water-pot gebruyckte. Dit
+geselschap hier soo sijnde, is aengesproocken by den voorschreven Heer
+Burgemeester Francken, dewelcke verklaerde, dat sy daer ontboden waren,
+om haer te recommanderen de ouwe Achten, ten eynde sy inde aenstaende
+nominatie niet verby gegaen wierden. En aengaende de verdere,
+bemerckende dat over de selvige eenige beroeringe onder de Dekens ware,
+versocht hy, dat sy boven de ouwe Achten, soodanige wilde nomineren, die
+na de sin en speculatie van de Regeringe mochten sijn. Want anders
+doende, dat het van een schadelick gevolgh souw sijn. Waer na de
+Burgemeester Muys sijne welspreeckentheydt heeft getoont, ende heeft die
+vrienden aengesproocken met de volgende</p>
+
+<span class="pagenum">
+ <a id=page27
+ name="page27">
+</a>[Pag. 27]
+</span>
+
+<br>
+
+<h3>HARANGUE.</h3>
+<br>
+
+<p><i>Mannen Deeckens</i>,</p>
+
+<p>Alle 't geene de Heer Burgemeester Francken uw daer geleght heeft, is
+waer en waerachtigh, en daerom kan ick my niet onthouden van uw voor al
+voor oogen te leggen de les van Salomon, dewelcke dicteert: dat alle die
+sigh mengen met die gene, die na veranderinge staen, met deselve vergaen
+sullen, dese veranderinge nu die hier by sommige quaedtaerdige, en
+ambitieuse menschen beooght, en ge&euml;ntameert wort, sal seeckerlijck naer
+sigh slepcn een volkomen ru&iuml;ne van de Stadt, en desselfs Finantien. Wy
+hebben veel moeyten gehadt om de vervallen Finantien van de Stadt te
+redresseren, wy hebben een Fons uytgevonden, te vooren onbekent, waer
+door de vervallene saecken weder sijn herstelt, wy hebben de Kaeyen
+gemaeckt; de Havens gediept, de Bruggens verstelt, en alles tot de
+Negotie in dier voegen geapproprieert, dat daer door de welvaert
+soodanigh is aengegroeyt, alsje alle tegenwoordigh siet, ende gewaer
+wordt, en selfs heb ick tot dese saecken uyt mijn eygen beurs aen de
+Stadt geschoten de somme van 12000 ponden, die ick jegens 3&frac12;. per Cent
+laet loopen, met dien Interest te vreden sijnde, om de Stadt, die ick
+lief hebbe te soulageren. Maer Mannen Deeckens, die andere menschen die
+dese veranderinge in 't hooft hebben, en achten geen Stadt, noch geen
+Finantien, ja recht uytgeseyt, sy hebben den Duyvel en den Sacrement van
+de Stadt, en 't sijn Fielten en Schelmen die desselfs goede en
+loffelijcke Regeringe trachten te veranderen, en als 't dese Vagabonden
+daer al toegebracht sullen hebben, wat sal 't dan sijn? de Finantien
+sullen vervallen, de Stadt en desselfs
+<span class="pagenum">
+ <a id=page28
+ name="page28">
+</a>[Pag. 28]
+</span>
+Havens onbruyckbaer worden; de
+Arbeyts-luyden naeckt en leegh loopen. Ick bid u Mannen Deeckens, en
+smeeck uw met gevouwen handen, datje doch na geen veranderingh en
+luystert, noch na geen menschen die 't daer mede houden; En siet doch
+wat menschen men hier al recommandeert aen u Nominatie, een deel
+Vagabonden, een deel Kalissen, hier recommandeert men'er twee, hier
+eenen Sonnemans en daer eenen anderen, daer magh'er hier en daer een
+onder sijn van middelen, maer de meeste sijn kalissen en geen luyden
+dieje dienen; Mannen Deeckens, noch behelpen sich dese menschen met dit
+voorgeven, dat ick de Prins van Oranjen soude bedrogen hebben, het welck
+valsch en Schelmachtigh gelogen is, ick stae wel by de Prins van
+Orangien, en omtrent de Treves, is by Ons niet gedaen als met kennis van
+sijne Hoogheyt; Ick bidje Mannen Deeckens luystert na sulcke leugens
+niet, en ick smeeck uw nochmael, dat gy na geen veranderingh en staet,
+maer het by u Regenten blyft houden; Soo sal de Stadt floreren, en God
+Almagtig salje Personen, en je Familien zegenen, &amp;c.</p>
+
+<p>Nu eens gedroncken, wel Cameraet, uw heb ick wel gekent over 20. Jaer,
+enje Ouwers oock wel, ick brenght uw eens, sa Knecht, brenght een Glas
+van Respect, Vrienden dat moet rondt gaen, a vous de gesontheyt van ...</p>
+
+<p>Die hebben wy de Parnas-broeders, voor een toe-gifte, wel willen
+communiceren, alsoo het noch niet en schijnt in de archiven van hare
+Republijck ingekomen te sijn. Het welcke nochtans wel noodsaeckelick
+dient geweten te sijn, op dat men soo de Historie van dit Dordtsche
+werck met'er tydt compleet mach krijgen. Waer toe ick hoop dat andere
+vrienden, die yetwes hebben, ter materie dienende, mede de hand sullen
+leenen. Interum, lector, vive, vale, &amp; his candidus utere merum.</p>
+
+<p>FINIS.</p>
+
+<div>*** END OF THE PROJECT GUTENBERG EBOOK 11884 ***</div>
+</body>
+</html>
+
diff --git a/LICENSE.txt b/LICENSE.txt
new file mode 100644
index 0000000..6312041
--- /dev/null
+++ b/LICENSE.txt
@@ -0,0 +1,11 @@
+This eBook, including all associated images, markup, improvements,
+metadata, and any other content or labor, has been confirmed to be
+in the PUBLIC DOMAIN IN THE UNITED STATES.
+
+Procedures for determining public domain status are described in
+the "Copyright How-To" at https://www.gutenberg.org.
+
+No investigation has been made concerning possible copyrights in
+jurisdictions other than the United States. Anyone seeking to utilize
+this eBook outside of the United States should confirm copyright
+status under the laws that apply to them.
diff --git a/README.md b/README.md
new file mode 100644
index 0000000..e3dd261
--- /dev/null
+++ b/README.md
@@ -0,0 +1,2 @@
+Project Gutenberg (https://www.gutenberg.org) public repository for
+eBook #11884 (https://www.gutenberg.org/ebooks/11884)
diff --git a/old/11884-8.txt b/old/11884-8.txt
new file mode 100644
index 0000000..b86ee6f
--- /dev/null
+++ b/old/11884-8.txt
@@ -0,0 +1,1379 @@
+Project Gutenberg's Aenmerkinge op de Missive van Parnas, by Anonymous
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Aenmerkinge op de Missive van Parnas
+
+Author: Anonymous
+
+Release Date: April 3, 2004 [EBook #11884]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK AENMERKINGE OP DE MISSIVE ***
+
+
+
+
+Produced by Miranda van de Heijning, Frank van Drogen and PG
+Distributed Proofreaders
+
+
+
+
+
+
+
+AENMERKINGE {Pag. 1}
+
+Op de Missive
+
+VAN
+
+PARNAS,
+
+Van den 22. January 1685.
+
+GETEKENT
+
+HUGO de GROOT.
+
+ {Pag. 2}
+
+ {Pag. 3}
+
+
+
+AENMERKINGE
+
+Op de Missive van
+
+PARNAS
+
+
+Na dat de Griecksche Parnas, door de Turckschen mogentheyd verscheyde
+eeuwen verwoest gelegen hadde, ende daerom nu niet meer en wierde
+gefrequenteert, soo heeft Boccalyn eenen anderen in Italien weten te
+vinden, dan die gansch van ene andere natuer ende operatie was, als wel
+de Griecksche te voren ware geweest. Want de gene die op de eerste
+verkeerden, wierden beschenen met allerley klaerheydt, soo dat de
+duysterheyd van haer verstant quam te verdwynen, en aengedaen wierden
+met veelerley kennisse, soo dat sy verborgene dingen, oock selfs
+toekomende, wisten te openbaren. Maer die op den Boccalynsche Bergh
+quamen te verschijnen, bevind men nergens anders in uyt te steecken, als
+in alle soort van busche scherpsinnigheyt, hebbende tongen der Slangen
+niet ongelijck; ende sy selve van nature als de boose Muyl-Esels, die
+van vooren byten, van achteren schoppen, niemand sparende, als die sy
+niet en konnen bereyken. Op dese inventie hoewel Boccalyn seer praelde,
+soo is het evenwel daer mede soo uytgevallen, dat hy geluckigh souw
+geweest hebben, by aldiense hem niet dierder had komen te staen, als den
+hond, soomen seyt, de worst doet. Waerom dan oock niemand naderhand lust
+gehad heeft, om de naem te verkrygen, van diergelijcke Contrey ontdeckt
+ofte gevonden te hebben. Maer evenwel gelijck de natuer veele
+veranderingen uytwerckt, doende effene Landen tot Bergen oprijsen, ende
+Steden in den Afgrond versincken, soo is het mede gebeurt, dat in
+Hollant ontrent het Ye, de daryachtige gronden soo sijn opgegist, dat se
+dreygen den Boccalynschen Berg te sullen overtreffen. Ende, soo men
+seyt, souw Apolio mede daer alrede aengekomen sijn, ende in die lucht
+behagen genomen hebben, na dat hem de Grieksche Laurieren hebben {Pag 4}
+beginnen te stincken. Dat ook na sijne komst aldaer mede waren
+verschenen _Cicero, Cato, ende alle de gene die sich ooyt met
+Staetssaecken hebben bemoeyt_, als _Hogerbeets, Renyl, Ledenbergh_ ende
+ook _Barnevelt_, maer die gelijk als Sint Denijns, sijn hooft in bey
+sijne armen droegh, welcken Denijs hy ook schimperlijk verweet, dat
+deselve sijn hooft maer twee mylen ver had konnen dragen, daer hij het
+sijne uyt den Haegh tot op den top van den Amstelschen Parnas hadde
+gedragen. Benevens dese is daer mede verschenen den welbekende Keiser
+Iustinianus, dragende nu niet de Kroon van het Grieksche Rijk, maer een
+Amstels jok van bockenhout, dat hem nieuwlix op geleyt sijnde, de
+schouderen hadt deurgeschuert, alsoo 't hem gansch niet paste. Gelijk
+men dan ook seyt, dat daer versch aengekomen was de Burgemeester _van
+den Broek_, die wondre nieuw maren uyt Holland medebraght, waer over
+verscheyde van die Parnasbroeders ook haer sentiment seyden, waerd
+altemael om vanden vermaerden Hugo de Groot beschreven te werden. Daer
+waren voor desen wel aengekomen Socinus, Arminius, Vorstius, Spinosa,
+met haersgelijken, maer dewijl dit hare rol niet en was, soo en sijn sy
+op dit Theater ook niet verschenen, maer sijn van ver blyven staen om
+het spel aen te sien. Waer van principael Acteur was de voorschreve Heer
+Burgemeester van den Broek, refererende _'t gene eenigen tijd soo tot
+Dordrecht, als inde Vergaderinge vande Staten van Holland ende
+West-Vriesland op het subject vande nominatie der goede luyden vanden
+Achten der voorschreve Stadt, ende het herdoen van de selve voorgevallen
+was_. Als mede op _wat wijse de Heeren Commissarissen van den Hove van
+Holland haer in dese saken hebben gedragen_. Het welk sekerlik met
+groote verwonderinge moet aengehoort geweest sijn, principael indien die
+Burgemeester daer by geseyt heeft, gelijk het de waerheyd is, dat hy van
+die tydt of, en misschien eerder, van die swakheyt van lichaem niet
+alleen, maer ook van herssenen is geweest, dat hy de Commissarissen door
+sigh selven niet en heeft konnen antwoorden, maer heeft het laten doen
+door andre, die hy tot dien eynde in sijn huys ontboden hadde. Soo dat
+hey selfs naeulyx wetende watter in sijn eygen huys omme gingh, veel min
+geweten heeft watter op het Raedthuys of in der Staten Vergaderinge
+geschiede. Alsoo hy in die tydt die de bequaemheyt niet en had, om
+buyten sijn huys te konnen gaen of ryden. Soo dat ick presumere, dat hy
+gesuysebolt, of gedroomt sal hebben, als hy dit verhael sal {Pag 5}
+hebben gedaen, ende grovelik dienvolgende gemist. Het welk van dien
+ouwen hals niet vreemd en was, alsoo ik sie dat sulx de andre
+Parnasbroeders ook wel overkomt, ende ik uyt den brief van de Heer de
+Groot lees, dat sy luyden _den Primier van de Heeren Commissarissen,_
+die tot Dordrecht sijn geweest, _daer_ by henluyden, _al eenigen tijd te
+gemoet hebben gesien._ Want hebben sy hem al eenigen tijd te gemoet
+gesien, soo hebben sy ook al eenigen tydt gedroomt ende gedoolt, soo wel
+als den nieuw aengekomen Burgemeester, dewijl by hier nu noch sit, ende
+onseeker is wanneer hy hier van daen vertrekt. Soo datmen niet en hoeft
+te denken dat dese Parnasgasten sijn _tanquam abqui Semides & adoptiva
+quadam numina,_ als die ook hare misslagen hebben. Gelijk het selve noch
+nader daer uyt blijkt, dat sy hem als noch sitten en waghten. Want light
+en komt hy noyt op sulk eenen Parnas, daer sigh luyden onthouden die
+schrijven en dryven, _Spiritum Antichristi magis regnare ad lacum
+Lemannum, quam ad Tybrim._ Alsoo hy soodanige positien exerceert. En
+voorsichtiger souden sy doen dat sy de deuren in tyds toesloten, op dat,
+al quam hy kloppen, niet in gelaten en wierde, ten eynde over soodanige
+poincten, als hier vooren, of diergelijke, gene onrust op den Parnas en
+wierde verwekt. Want hoewel hy flexibel is, soo dat men hem souw om de
+vinger windeen, soo en is hem echter niet nieuw een Kamphaen in de kam
+te byten, schoon dat se al vry wat langh gebeckt sijn. Soo dat my daer
+uyt schijnt, dat die luyden, daer op dien Parnas, de beste positie niet
+en houden, voor hoe groten politicum men den Heer de Groot, die het rad
+daer draeyt, ook wil houwen. Want hoewel hy te houwen is voor een man
+vande uytstekenste geleertheyt, soo en belet dit niet, dat men sonwijlen
+sich vergist. Ende valt somwylen al eens voor, dat het spreekwoord
+bewaerheyt wert. _Magna ingemia, magni errores_. Soo dat oock de
+Monicken hebben weten te seggen: _Clericus edoctus non est semper sale
+coctus_. Tot eene preuve van dien sal ik voor eerst maer seggen, dat als
+een persoon van de eminentste qualiteyt in dese staet hem een gunstig
+oogh had toegeworpen, soo quam hy in den jare 1632 driftig herwaerts
+aengeloopen, verhoopende, dat hy nevens d'andre ouwe Santen, weder op
+het Autaer souw werden geset. Maer alsler ordre quam van de Heeren
+Staten van Ho'land, dat hy uyt den Lande sou hebben te vertrecken, soo
+gingh hy heendruypen, als een hond, die sijne staert verlooren heeft.
+Hier nevens sal ik noch voegen, dat als hy de Babylonische Hoer van hare
+voorname quetsure ende hooftwonde, die de eerste Reformateurs haer {Pag. 6}
+hebben gelastigeert, heeft willen cureren, wat heeft hy daer deur
+anders uytgeright, als datter is geëxciteert het _Classicum belli
+Sacri_, ende dat hy geprocureert heeft sijne eyge disgracie in het Hof
+van Sweden, daer hy doen een Minister af was. Soo dat hy daer van daen
+vertreckende, sich begeven heeft na Rostock, daer hy is overleden. Meer
+en sal ik voor deestydt van Hem niet seggen, alsoo dit genoeg is om aen
+te wysen, dat groote luyden ook hare misslagen hebben, en daerom geen
+wonder en is, indien hy het in desen Brief soo heel fix niet en heeft.
+Want niet seer ver van het begin komt de goede Keyser Justinianus, soo
+hy seyt, te voorschijn, _met de tranen in de ogen, klagende, dat sijne
+Wetten soo weynigh voldaen wierden_ by het Hof van Holland. Ende dat
+bestaet hier in, als men in den selven asem seyt, dat het selve sich
+aenmatight _van toesicht te dragen, Ne Provincia abundat malis
+hominibus_. Waer in of Justinianus of Grotius eenighsincs missen, want
+soo en luyden de woorden niet in den originelen text. Hoewelle van den
+sin niet t'eenemael en devieren. Ende nochtans schreyt die goede man
+daer over. Wat magh hem daer toe bewegen? Dit namentelik, dat de
+Hollanders soo dom en bot waren, dat sy _syne Wetten verkeerde
+applicatien ende beduydingen aen wreven_; willende doen het gene sijne
+Præsides in voorgaende tyden hebben gedaen, uyt misduydinge van woorden;
+even of _Præsides Provinciarum met die van President en Raden_ een en
+deselve waren. Maer voor eerst sal ik hier op seggen, dat die het Hof
+determineert binnen de palen van Præsident en Raden, het selve
+verongelijkt, daer van afscheurende het eerste ende principaelste lid,
+namentlik den Stadhouwer, de luyster en voorname eer van dat Collegie.
+Soo dat de Heer de Groot hier sich selfs vergist, als hebbende te voren
+self geschreven, daer hy handelt van de gene die in het Hof sitten;
+_Horum caput est ipse Præfectus Hollandæ_. Daer naer sal ik vragen,
+indien de Præses Provinciæ een goed werk doed, _conquirendo nefarios, &
+curando ut malis hominibus careat provincia_, hoe kan dat quaet sijn als
+dat selve by het Hof werd gedaen? Hoe heeft het Hof dien Keiser sijne
+pap soo qualik gebotert, dat'et soo qualik by hem te Hove staet? Immers
+soo ruym als de Præsides Provinciarum de Souvereyniteyt aen den Keyser
+gelaten hebben, soo ruym laet het Hof deselve aen de Heeren Staten van
+Holland. Dan hoewel dit soo is, soo pecceert'et niet alleen daer in dat
+het wil procureren, _ut malis hominibus careat provincia_, maer ook
+voornementlik daer in dat'et _de Steden van Holland onder hare {Pag 7}
+vrede of vooghdye wil nemen_. Dan indien men die woorden soo meent en
+neemt, als die seggen, soo is het eene vuyle calumnie. Want waer heeft
+het Hof, ofte yemand die niet dul en uytsinnigh is, geseyt: _us pupillus
+nihil facere potest sine auctoritate tutoris_, alsoo ook niet de Steden
+van Holland sonder overstaen van het Hof? Maer wil men het eene gesond
+verstand geven, en daer deur verstaen, in sijn recht en gerechtigheyt
+maintineren; ook helpen en succurreren, daer men te kort souw schieten,
+om uyt te voeren het gene betaemt gedaen te sijn; soo kan 't toegestaen
+werden, ende sulx en wil het Hof niet alleen doen, maer is ook gehouwen
+te doen. Want wat isser bekender alsdat het Hof d'eene Stadt tegen de
+andere in sijne gerechtigheydt maintineert? Gelijk sulx in veele ende
+verscheyden exempelen te sien is. Ook Grotius selve, sprekende van het
+Hof, seyt: _Ipsa quoque urbium controversia, abeque magna mementi hic
+disceptantur_. Ende voorts, en is het niet in verscher memorie, dat als
+die van Delft onmachtigh waren om in hare Stadt behoorlicke Justitie te
+administreren, het Hof op haer versoek, haer de behulpsame hand heeft
+geboden, ende door den Fiscael eenen Minne uyt hare Stadt doen halen,
+die by het Hof met den Swaerde is geexecuteert? Ende indien men die of
+diergelijke tutele den Hove wil toeschrijven, dat en sal 't niet
+refugieren toe te staen, hoewel 't noyt selve in sulke termen heeft
+gesproken, noch ook van meninge is te spreken, om gene verdere
+lasteringen op den hals te halen. Gelijk dan ook noyt 't selve geseyt en
+heeft, dat het is Præses provintiæ, versien met eene egale maght, als in
+oude tyden de Præsides inde overwonnen Provintien hadden. Want in
+sommige delen heeft het Hof minder, in sommige weerom meerder. Als daer
+in meerder, dat'et recht doet tusschen en over Steden, selfs sitplaets
+hebbende in de Staten van Holland: daer ter contratie de præsides
+provinciarum sulx niet en hadden, maer gereserveert was tot het oordeel
+van de Keiser. Waer van veele exempelen bij de munimenten van de ouwe
+Schryvers te vinden sijn.
+
+Maer om eens op te halen, waer van daen dese Parnas-bende de occasie
+genomen heeft, het Hof aen te wryven dese calumnie, van sich te
+qualificeren Præsidem provinciæ, soo is het inder daed soo, dat Mr.
+Willem Stoop, Schout van Dordrecht, schriftelik dolerende over sijne
+suspensie, by het Hof gedaen, poseerde twee saken, van welke het eene
+was, dat hem by den Hove ware gelast, op de Articulen hem {Pag 8}
+voorgehouwen werdende, soo te antwoorden, als hy met de Ede sou konnen
+verklaren. Het tweede, dat hy niet en wist, wie voor het Hof syne
+beschuldigers of aenklagers ware geweest. Waer op by Commissarisen
+vanden Hove is geantwoord, dat het eerste eene loutere onwaerheyd was,
+ende sodanige eene onwaerheyd, die genoeghsaem sich selven refuteerde.
+Want dat het eene seer bekende sake was, dat niemand wierde gelast onder
+Ede te verklaren, die tot sijnen eygen laste wierde gehoort. Soo dat hy
+een Rechtsgeleerde ende Officier sijnde men niet ken denken sodanigen
+saek te _ignoreren_, ende te vergeefs men dieshalven sou gesoght hebben
+hem met eene Blaes met bonen vervaert te maken. Op het twede is by
+gemelte Commissarisen geantwoord dat het niet nieuw en is, dat jemand
+sonder aanklager ofte beschuldiger wierde gecondemneert. Ende dat daer
+in tot een exempel kon dienen _Claudius Gorgus, quicum esset vir
+Clarissinius, nemine accusante, lenocinii damnatus est a Divo Severo._
+Waar van wy den text hebben in _l. 2. §. 6. de aduls_. Daer is by
+gevoeght, dat tot deselve wijs van Procederen behoort, het gene wy in
+jure hebben geordineert de Præsidibus, _curare nempe eos debere, ut
+malis hominibus provincia careat, eosque conquirant_. Waer van de text
+is in _l. 13. ff. de officio prasidis_. Waer mede over een komt het gene
+dat 'er staet in _l. 4 § 2. ff peculat. Mandatis cavetur, ut Prefides
+Sacrileges, latrones, plagiarios conquirant, & ut quisque deliquerit,
+in eum animadvertant._ Illis enim qui conquirere tenentur, non est
+expectandus accusator. Cesiantes enim in inquirendo mandata Principum
+transgediuntur, & in animadversionem eorum incurrunt. Indien men nu hier
+uyt magh besluyten, dat'et Hof is de Keyser Severus, soo magh men oock
+wel daer uyt besluyten, dat het Hof is Præses provinciæ, ende dat
+Holland als eene geconquesteerde Provincie aen het selve onderworpen is.
+Maer soo het eerste niet geseyt of geconcludeert en kan werden, als by
+geprosesside Sottebollen, alsoo ook niet het twede. Wie heeft oyt dus
+geargumenteert, soo heeft de Keyser geprocedeert, ende soo heeft
+geprocedeert de Præses, ende soo oock procedeert het Hof, ergo soo is
+het Hof de Keyser, of het Hof is de Præses. Maer seer wel, soo heeft de
+Keyser geprocedeert, en soo heeft geprocedeert de Præses, ergo en is het
+niet nieuws dat het Hof mede soo procedeert, mits evenwel blyvende yder
+in de palen van sijne Jurisdictie. Gelijck het Hof in dese saeck van Mr.
+Willem Stoop heeft gedaen, obseiverende daer in hetgene Keyser Carel
+tot tweemalen heeft geordineert eerst in de Instructie van den {Pag 9}
+Hove geëmaneert in den jare 1521, ende daer na inden jare 1531. Daer wel
+uytdruckelick staet: _De Stadthouwer Præsident en Raden sullen
+naerstelick monsteren, om te vernemen de abusen ende delicten vande
+Bailluwen, ende andre Officiers, ende deselve gehoort sijnde te
+corrigeren, na exigentie van saken. Alwaer wel uytdruckelick
+gedefinieert is wie dat inquireren en corrigeren sullen, namentelick de
+Stadthouwer Præsident en Raden, sonder de minste mentie van Fiscael,
+Aenklager ofte Beschuldiger. Daer na de last, _sullen inquireren_, ende
+oock; _naerstelick_ sonder dissimulatie. Ten derden, de ordre die
+geobserveert moet werden. Als eerst, _inquireren_; ten tweden, _hooren_,
+ten derden _corrigeren_, sonder de minste mentie te maken van Proces,
+het sy ordinaris of extraordinaris. Het welcke dewyl men siet dat dit
+klemt, soo souw men garen de gantsche Instructie, als een ouwt kleed dat
+afgesleten is t'eenemael verwerpen, alsoo Keyser Carel selve sou seggen,
+_dat by sich niet en kon inbeelden dat dit alles nu langer geobserveert
+wierde, dewyl nu de Souvereyn altijd tegenwoordig is_. Maer hoe sober
+dese solutie is kan licht daer uyt afgenomen werden, dat op den eersten
+rechtdagh van 't jaer de Instructie van den selven Keyser werd
+vernieuwt, ende by de Suppoosten wederom besworen. Gelijck dan de Heer
+de Groot in sijne tijden het selve verscheyde malen heeft gedaen: welcke
+eer de Wetten van Justinianus noyt hier te Lande hebben gehad. Ende of
+niet het voorengemelde Articul in volkomen observantie is geweest binnen
+den tijd van dertigh veertigh en meer jaren, souwen de exempelen van
+veel Schouten en Bailluwen konnen aenwijsen, indien 't niet te langwylig
+en ware. Ik sal verder vragen, als Heer de Groot heeft voorgenomen te
+handelen en aen te wysen, _Qua in bello fuerit, post bellum sit
+Batavorum respublica_, of hy niet wel en had behoren aen te wijsen dat
+dese Instructie was geabollert en in ongebruyck geraakt? Maer
+mentioneert hy daer wel een woord van? Ja en seyt hy niet ter contrarie;
+_Ordines eandum semper non rempublicum modo, sed & reipublica faciem
+retinuerunt_? Waer komt dan dese abolitie van de Instructie ende
+vernietinge van daen, als dat die onder hare cramery in hare mersch niet
+en past? Alia tempora, alii mores: te voren sprack men van ordre,
+reglementen, van eenigheyd, nu roept men allesints met luyder kelen niet
+anders als van liberteyt en vryheydt, soodanigh dat men tusschen die en
+ongebondenheyd geene onderscheyten maekt. Wat my belanght, ick {Pag 10}
+ben in vreedsamige tyden, ende oock in een vry Land gebooren. Ende
+gelijck ick hoop in vreedsamige tyden, alsoo hoop ick oock in een vry
+Land te sullen sterven. Soo ver oock, dat ick van die hope ben, dat noch
+ick, noch mijne kinderen, sal ofte sullen behoeve te sien, dat'er een
+Hollandsch Romen sal opstaen, daer de andre leden onder souwen moeten
+suchten. Sed ut sub specie boni & qui perniciose quandoque erratur, ita
+sub specie libertatis saepe saevissima servitutis iniiciuntur vincula.
+Waer van om ândre voorby te gaen, de Monicken ons exempelen genoeg
+geven, die groote liberteyt belovende, jonge of onervarene luyden uyt de
+gehoorsaemheid van ouwers of voogden trecken, ende in een eeuwige
+slavernye van het Klooster leven daer naer verdrucken, daerse van ouwers
+of Magistraet noyt uyt gereddert en konnen werden. Ende siet eens of
+hier niet na en sweemt het doen van de gene die nu tot Dordrecht het
+Oppergesagh hebben. Die quansuys de Borgers willen schijnen vry te
+maeken van het oppergesagh van Stadhouwer Praesident en Raden, maer
+alleen om dat sy alleen souwen mogen na haer believen heerschen, d'andre
+van hoger hand met alle gene hulp en hadden te verwachten. Want al dit
+gewoel, waerom men het Land in roeren stelt, en is niet om de arme en
+onnosele Burgers in meerder vryheyd te stellen, maer op dat de geene,
+die nu het meesterschap menen in handen te hebben, inde Schaepskoy wat
+vryer en ruymer souwen mogen domineren, ende hare schotels met het vet,
+ende hare lendenen met de wol wat rijckelijcker te konnen versien. Ende
+om dat'er sijn die haer selven niet garen tot eene proy souwen
+overgeven, daerom heft men sulck een geschreeu op, daerom heeft het Hof,
+dat haer inde weegh is, de lever gegeten: daerom werpe men sulck een
+gesnater uyt: _Dat'er geen reguard meer genomen en werd, of de Rechter
+en aengeklaeghde malkander te nabestaan, ende de Berichter partye, ende
+partye Berichter was: dat het axiame Extraterritorium, aut sine
+auctoritate jus dicenti impune non paretur: dat, Deliberante principe
+nihil esse innovandum, wierden met de voet getreden._ Maer om de
+waerheyde te seggen, veel geschreeus en weynigh wol. Want hoe kan men
+met eenige waerschijnlickheyd seegen, dat in al het Dortsche werck de
+Aenklager ende Rechter malkanderen te na hebben bestaen, daer het notoir
+is dat geen recht by 't Hof en is gedaen, als alleen inde saek van den
+Schout, en welke nochtans, als te voren is geseyt, gene aenklager en is
+geweest. Wat men nu met het woord _Berichter_ wil verstaen, {Pag. 11}
+is my onbekent, dewijl sulx in de Neerlandsche styl van procederen niet
+en is bekent, gelijck ik mede niet en weet, dat in de Roomsche
+rechtspleginge yet diergelyx bekent is geweest. Maer dat kan ick seggen,
+dat by aldien yemand in het Hof souw hebben gesustineert duplicem
+personam, van welcke d'eene tegens d'andre streed, dat sulx singulierlik
+souw sijn gestraft geweest. Ende sulx die dat seyt sonder nader bewys
+een Calumniateur is. Dat geseyt werd _Extra territorium jus dicenti
+impune non paretur_, hoe kan dit hier plaets hebben, daer het Hof in
+dese saek van Stoop recht gedaen heeft hier in den Haegh, inde ordinaris
+residentie plaets, van over eenige honderd jaren daer voor bekent.
+Immers soo inept is het dat men seyt _sine auctoritate jus dicenti_.
+Want wien is eene Officier ratione officii anders onderworpen, als den
+Hove van Holland, wat men nu ten laetsten daer by voeght, _Deliberante
+principe nihil esse innovandum_, dat komt hier in 't minste niet te pas,
+dewyl 't van het eerste begin dat die van Dordrecht dese saek voor de
+Heeren Staten hebben gebraght, gedecideert is. Want syluyden
+versoeckende, dat het Hof geordineert sou werden stil te staen, soo en
+is 't selve versoeck niet ingewillight. Ende naderhand, het selve
+versoeck geitereert sijnde, is bij de voorgaende Resolutie
+gepersisteert. Ende vervolgens is verstaen, si non expresse, saltem
+tacite, dat het Hof souw mogen voortgaen. Het welke die van Dordrecht
+daer na, maer te laet merkende, dat het hen obsteerde hebben versocht,
+dat die notulen uyt de Resolutien van de gemelde Heeren Staten souwen
+mogen werden gelight. Het welk hen, te laet opsijnde, geweygert is. Soo
+dat daer uyt blijkt, dat hoewel op de saek ten principalen nader
+deliberatien souwen mogen komen te vallen, dat evenwel die by de Heeren
+Staten is gedetermineert, voor soo veel als de surchance ofte voortgangh
+der proceduyren van 't Hof aengaet. Daerom, soulageert vry de Dordsche
+vriendetjes, et dot _Deliberante_, het sal haer immers soo wel helpen,
+als een papje na de dood.
+
+Dese gedreyghde surchance dan uyt de weegh sijnde, isser te recht verder
+voortgegaen met informeren, tot dat van de klachten consterende, de
+eerste nominatie is gerejecteert, tot groot milcontentement van dese
+Parnas bende, dewelcke sustineert, dat sijne Hoogheydt het recht niet en
+heeft om in die saek te informeren, veel min om die nomenatie te niet te
+doen, voornamentlick voor en al eer men partyen daer op hadde gehoort.
+Soo dat men nu in alle Vierscharen wel moght uitwissen, de seer {Pag 12}
+bekende spreuke, _Aude & alteram partem_. Het welke, hoewel het in haer
+selven sijn poincten van gene seer diepe speculatie, soo maektmen
+nochtans daer seer groot bohey van, soo dat die niet verby gegaen en
+konnen werden. Om dan daer af yet te seggen, soo sal ik præmitteren,
+sijne Hoogheyd van den ophef van dese saek niet van meninge te sijn
+geweest, eenige proceduyren aen te vangen, ende dat hy sulx ook aen de
+Commissarisen heeft verklaert, als hy hen de Articulen, in welke de
+beswaernissen begrepen stonden, terhanden stelde. Het welke ook
+Commissarisen ter Vergaderinge hebben bekent gemaekt, wel expresselik
+daer by voegende, dat de meninge niet en was van sijne Hoogheydt of van
+den Hove, om civilic ofte criminelik te ageren, maer datmen alleen
+verseerde in een naekt ondersoek van waerheydt, op dat sijne Hoogheyt de
+klaghten, by eenige Burgers van Dordrecht gedaen, niet lightvaerdigh
+souw verwerpen, of ook de nominatie door sijne electie sou komen te
+approberen, indiense misschien informeel moghte sijn. Soo dat hier de
+questie is, of soo een bloot ondersoek van waerheydt daer gene
+rechtspleginge op en staet te volgen, sijne Hoogheydt heeft mogen doen
+of niet. Eer ik hier yet op segge, soo sal ik præmitteren, dat gelijk de
+nominatie de Dekenen toekomt, van de Mannen van achten, dat alsoo mede
+aen sijne Hoogheydt de electie toekomt. Dat is gelijk de Dekenen sijn
+gehouwen eene rechte ende deughdelijke nominatie te doen, dat alsoo mede
+sijne Hoogheydt eene rechte ende deugdelijke electie. Nam paria sunt,
+aliquid non facere, & non facere debite & legitimo modo. Sal nu sijne
+Hoogheydt debito & legitimo modo sijne electie doen, soo moet hy ook
+toesien niet alleen, dat hy in sijne electie niet en exorbiteert, maer
+ook, dat hy die niet en doed uyt eene nominatie, die informeel ende
+onwettigh is; alsoo uyt eene informele nominatie gene wettige electie en
+kan gedaen werden: Immers al soo weynigh als eene electie kan gedaen
+werden sonder nominatie: dewijl het geen informeel is, niet meer geacht
+werd, als of het gansch niet en ware. Ende daerom soo sal ik seggen, dat
+sijne Hoogheydt seer wel heeft vermogen, ja gehouwen is geweest, op de
+waerheyt van de klaghten hem overgelevert, te informeren, het sy selve
+ofte ook door andre, Nam quæ per alios facimus, ipsi facere videmur.
+Quia nobis impellentibus fiunt. Nu is het soodanigh, gelijk Cicero seyt
+Officiorum primo, _inprimis homini propriam esse veri inquisicionem
+atque investigationem_; ende, _Falli, errare, labi, decipitam dedicere,
+quam delirare & mente captum esse_, is het, segh ik, soodanig, {Pag.13}
+waer past het beter de waerheyt te ondersoeken, als daer men verseert in
+saken van Staet, en daermen verseert in 't bestellen van de
+Magistrature, aen welke het welvaren hanght van Landen ende Steden? Ende
+is het soo schandelick te missen, vallen, bedrogen te werden, wien
+voeght sulx minder, als personagien van soo eminente qualiteyt, als is
+sijne Hoogheydt? Indien men hem wil constringeren om sonder
+onderscheydt, uyt alle nominatien, hoedanigh die ook souwen mogen sijn,
+electie te doen, soo sal men hem bedwingen in sulk een perk, uyt het
+welk hij sich niet en sal konnen redden, sonder mis te tasten, ende
+sonder den Lande grote ondienst toe te brengen. Het welk van de grootste
+iniquiteyt niet te excuseren en is. Alle menschen, soo ver sy met
+vernuft begaeft sijn, en sullen niet yetwes van eenige importantie
+sijnde, by de hand nemen, of sy sullen niet alleen inquireren,
+ondersoeken en overleggen hoe het in haren boesem gelegen is, wegens het
+gene sy voor hebben, maer examineren ook het gene buyten haer is,
+namentlik offer gene obstaculen sijn, die haer souwen konnen
+verhinderen. Gelijk yemand, die eene reys buyten s'Lands meent aen te
+nemen, overleyt niet alleen, of dat nut voor hem sal sijn, maer ook, of
+hy wel Schuyt en Wagen, tot sijne dienst sal konnen krijgen; of de wegen
+door vyanden of stroopers niet beseten sijn, met noch vyfentwintigh
+andre dingen meer. Maer soo syne Hoogheydt yet diergelyx doed, en dat in
+eene sake van het groote gewichte, handen vande bank, dat sijn regalien,
+dat en komt hem niet toe, of moest bewesen werden, dat het hem
+specialick vergunt was. Maer my belangende, soo wil ik wel eens
+gevraeght hebben, waer het ondersoeken, informeren, of horen van
+getuygen, een speciael regael werd genoemt, 't sy by de ouwe Schryvers,
+die de consuetudines feudorum by een gevoeght hebben, of die haer
+naderhand op dat spoor sijn gevolght. Ende geen speciael regael sijnde,
+soo en kan het niet wel speciael gegeven geweest sijn. Ja ick sal meer
+seggen, dat het gene yder een toekomt jure naturali & omnibus communi,
+gelijk als dit doed, geen regael en is, ende ook niet sijn en kan, of de
+natuer self moest omgekeert werden. Ende by exempel, de verklaringen,
+die genomen werden, ad perpetuam rei memoriam, gelijkenen die wel
+regalien! Als, neemt dat ik aen een stuck leengoeds yet te kost geleyt
+hebbe, het welk ik sou konnen repeteren, indien 't quame te {Pag.14}
+vervallen, ende op dat daer van t'alled tijden souw mogen blijken, ik
+voor Notaris en Getuygen, of voor eenigen Rechter, doe verklaringe
+beleggen, usurpere ik daer mede regalien? Wie heeft oyt sulx gehoort? Wy
+weten, dat jurisdictie te plegen, dat sijne Hoogheydt binnen Dordrecht
+niet en heeft gepretendeert, een regael is, maer in het minste niet het
+simple ende eenvoudige hooren van getuygen. Daerom, als, ten tijde van
+Jan de eerste, sekere Baillu van Zuyt-Hollant begeerde met Schepenen van
+Dordrecht _te ondersoeken op sommige saken ende misdaden_ (welk men doen
+plagh te noemen, stille waerheydt besitten) _die tot Dordrecht waren
+geschiet_, soo hebben deselve Schepenen sonder eenige discepatie,
+_toegestaen voor die reyse met hem te sitten, niet om te oordelen en
+rechten, maer om te ondersoeken_. Als wel wetende, dat het selfe
+_ondersoeken_ henluyden in hare jurisdictie gene prejudicie en gaf:
+_quia judicium a citatione_ ut pragmatici loquuntur, _initium sumit_. Of
+soo Justinianus spreekt § finali. De pæna temere litiguntum: _Omnium
+actionum instituendarum principium ab ea parte Edicti proficiscitur, qua
+Prator edicit, de la jus vecando_. Maer als de Graef selve over hare
+Borgers recht spreken ende oordelen wilde, soo hebben Schepenen, die te
+voren soo facyl tegen den Baillu waren geweest, sich selven wel
+ernstelick daer tegen gekant: Seggende:
+
+
+ _Onse Handvest segget wel
+ Dat wy ende niemand el
+ Recht ende vonnes seggen mogen,
+ Over onse Poorters van lagen van hogen.
+ Deese vryheyd gaf u oude Vader
+ Coninc Willem, die wy allegader
+ Hebben bezegelt en beschreven,
+ Dus ons van uwen ouwers bleven._
+
+Het welke veele onlusten gebaert en haer in veele swarigheden heeft
+geinvolveert, die sy standvastigh hebben uytgestaen, daerse niet
+difficyl aen den Baillu, als hy niet verder en pretendeerde als het
+_ondersoecken_ ende horen van getuygen, haer hebben getoont. Ik weet
+wel, datmen ook kan informeren om een begin van een Proces te maken, het
+geen hier niet alleen niet en is geschiet, maer waer tegen men altydt
+heeft geprotesteert. Ende sulcx doet men ongelijck aen sijne {Pag.15}
+Hoogheydt; datmen hem uytmaeckt voor eene Usurpueur van eens anders
+Jurisdictie. Waerom en siet men hier niet in, als men in andere saken
+gewoon is te doen, faciendi causam? Volgens den wel bekenden regel,
+_Nonfactum, sed facienda causa inspicienda est._ Want soo leert ons
+Ulpianus in l. 39. ff. de furtis: _Verum est, si meretricem, alunam
+ancillam, rapuit quis, velcelavit, furtum non esse. Nec enim factum
+quantur se causa faciendi. Causa autem facienda libide furt, non
+furtum._ En soo en heeft het informeren van sijn Hoogheydt gene andre
+oorsaeck gehad, als de begeerte van de waerheydt, ende niet usurpatie
+van jurisdictie. Gelijck oock het vervolg heeft getoont. Nu voortgaende
+sal ick seggen, hoewel dese dingen genoegh sijn om volkomentlick het
+recht van sijne Hoogheyt te adstrueren, soo sullen even wel wy eens
+aenschouw nemen, wat de beschreven wetten disponeren, 't gene tot
+beweringe vande selve saek souw mogen dienen. Ende daer vinden wy dan in
+jure Canonico, dat de gene die het confirmeren van een gekoren Prelaet
+toe komt, oock toekomt het ondersoeck vande keur of electie, en ook
+vande bequaemheyt van den gekoren persoon. Ende anders geschiedende, soo
+heeft plaets dat'er gestatueert is in _Cap. Nihil est 44. extr. De
+election. Non solum deiseiendus est indigne promotus, verum & indigne
+promovens punlendus._ Op welcken text Pinormitanus aenteyckent: _Debet
+confirmator inquirere de electionis forma & meritis electi: & hodie
+facta confirmatione sine causa cognitione, est ipso sure nulla._ Nu soo
+sich heeft de confirmatie tot de electie, soo heeft sich ook de electie
+tot de nominatie. Sulx dat men van het eene tot het andre valide magh
+argumenteren, ende seggen, het gene plaets heeft in het eene, oock
+plaets moet hebben in het andre. Ende gelijck die de confirmatie heeft
+oock moet inquireren op de voorgaende electie, oock soo moet inquireren,
+die de electie heeft, op de voorgaende nominatie. Dewyl daer deselve
+reden is, oock het selve recht moet plaets hebben. Maer hier tegen
+schrijft, soo men seyt, de Heere de Groot, dat Justinianus verklaerde,
+_dat dat maer alleen inde Kerckelicke bedieninge, onder den Paeus,
+plaets hadde, ende het selve aen sijne Wetten geene prejuditie te
+geven._ Dan ick geloof dat het dien goeden Heer inde memorie sal sijn
+geslagen, nu niet meer geheugende het gene hy te voren geweten heeft,
+dat geschiet inde Classicale Vergaderingen, na het beroep. Namentlick,
+dat daer mede werd geëxamineert de beroepinge ende beroepenes qualiteyt
+beyde. Ende nu niet meer geheugende het gene hy te vooren van {Pag.16}
+het Geestelijcke of Canonyke recht selfs heeft geschreven. Als mede dat
+hy aen Justinianus het meeste gelijck niet en doed, niet eens gedenkende
+dat Justinianus selfs is de gene, die het fundament van het Canonyke
+recht heeft gelegt. Want dit recht is originelick gesproten uyt de
+besluyten, regulen ofte canones inde Synodale Vergaderingen beraemt ende
+vast gestelt. Welcke, alsoose te vooren in sich selven ingesien, van
+politique macht ende auctoriteyt waren gedestitueert, soo heeft
+Justinianus die, d'allerste, daer by gedaen gevende haer de auctoriteyt,
+die sijne andre wetten hadden, als men sien kan in sijn Novella 131. Het
+welck dan is geweest het begin van het jus Canonicum. Waer op gevolgt
+is, dat inde verdere tyden de Keisers selve, ofte uyt haren naem hare
+Volmagtigde inde Concilien ofte Synoden hebben de gepresideert, der
+selver Decreten ook, alsde voorgaende, kracht ende autoriteyt bekomen
+hebben, hoewel datse van de gene niet in schrift geredigeert en zijn,
+die macht hadden om Wetten te maken, moetende de Keisers als aucteurs,
+ende de Schrijvers als ministers geconsideruert worden. Waer naer daer
+by gevoeght zijn de Decreten van de Pausen, die op sekere voorvallen
+zijn of wierden geconsulteert, tot welcke Gregorius de IX. verscheyden
+dingen, genomen ex jure civili, heeft bijgevoeght, self van sodanige,
+daer hy niet van geconsulteert en wierde. Waer naer van d'een en
+d'andere noch jet is aengelapt. Ende dit dan soo zijnde, wilde ick wel
+eens gevraght hebben, of Justinianus sichs selvens niet soude vergeten
+hebben, als hy alle auctoriteyt aen het jus Canonicum souw schijnen te
+derogeren? Ende het niet eer te geloven is, dat hy Justinianus hier in
+niet wel en heeft verstaen? Wat nu de Heer de Groot selve aengaet, die
+hier toont sich selven niet meer te kennen, ofte ten minsten te geheugen
+wat hy voor desen van dit recht heeft gehouwen, soo sullen wy hem in
+fijne swackheyd te gemoed komen, en helpen herdencken, wat hy voor desen
+van dit Canonyke recht heeft geoordeelt. Hij verhaelt dan in het derde
+Boeck De jure belli cap. 12. met veel lof, dan met inde Neerlandsche
+oorlogen, de limit of frontierlanden, betalende sekere contributie, aen
+wederzyden heeft gecultiveert. Ende hy voeght daer by, _Hos mores
+humanitatis magistri Canones Christianis omnibus, ut majorem ceteris
+humanitatem debentibus ac profitentibus imitandes proponuns._ Ende om te
+bewysen dat sulcx descendeert ex jure Cononico, soo allegeert hy daer
+toe cap. 2. extr. de treuga & pace. Het welck een decreet is {Pag.17}
+gestatueert in Concilio Luateranensi, ten tijden van Alexander de derde.
+Soo dat klaer blijckt, dat hy daer het jus Canonicum ver stelt boven het
+jus Civile of Justinianeum. Gelijck hy het selve mede doed in het twee
+deel van het eerste Boeck sijns Hollandsche Rechtsgeleertheyds. Want na
+dat hy van het Roomsche Recht gesproken heeft, gebruyckt hy dese
+woorden: _Gelijk ook daer na gebeurt is, dat eenige saken in meerder
+billickheyd zijnde overleyd_, als wel Justinianus heeft gedaen, _by een
+groot deel der Christenheyd jet nader aengenomen, ende seer oneygentlik
+bekomen hebbende de naem van Geestelijke of Pauselicke Rechten, ook in
+dese landen kracht van Wet heeft bekomen_. Waer uyt wy dan besluyten,
+dat het gene hier te voren ex jure Canonico is geallegeert wel ende te
+recht geallegeert is, ende hier te lande in desen ook plaets moet
+grypen, voornamentlik, daer in beyde de gevallen de selve rede
+militeert. Want dat is seker, dat de formaliteyten in het politijc soo
+wel als in het ecclesiastijc moeten werden geobserveert, alsoo die
+genegligeert zijnde, soo wel in 't eene als in 't andere, alle actitata
+komen te vervallen. Ende soo wel als het opsprakelik is, jemand
+onbequaem zijnde, te vorderen tot kerkampten, alsoo wel is het mede
+opsprakelik, jemand tot politike digniteyten te vorderen, die der selver
+onbequaem souw mogen zijn. Soo dat het geene expres gestatueert is in
+approbatione; ex identitate rationis mede moet gerecipieert werden in
+electione. Ende al waer het schoon, dat wy dat fundament in jure
+Canonico niet en hadden, zijn wy daerom gedestitueert van andere ex jure
+civili? Is het niet soo wel eene regel juris civilis quam Canonici: _Qui
+vult consequens vult & antecedens?_ Ende wederom, _Concesso aliquo etiam
+ea concessa videntur, sine quibus illud expediri non potest?_ Het welk
+ook soo verregaet, dat al waer het, dat de uytvoeringe vande commissie
+niet en kon werden geëxecuteert, sonder 't exerceren van regalien. Want
+dat selve werd dan verstaen mede inde comissie begrepen te zijn, als te
+sien is by Rosenth. de Feudis cap. 5. concl. 14. n. 6. Het welk ook de
+leer is van Cumanus, Zafius, Mozzius en andere. Staetmen sijne Hoogheyd
+de electie toe, soo moetmen hem ook toestaen het gene sonder het welk hy
+de electie niet en kan doen, ofte dat het selve is, niet behoorlik en
+kan doen, dat is informeren op alles dat ontrent het selve subject te
+indageren staet. En wil men daer van eene text ex jure civili, men sal
+die vinden genoegsaem in terminis leggende, in l. 4. C. si contra jus
+vel utilitatem pub. daer de Keiser Constantinus rescribeert in {Pag.18}
+deser voegen: _Eisi non cognitio sed excecutio mandatur, de veritate
+precum inquiri oportet, ut si frans intervenerit, de omni negotio
+cognoscatur._ De saek is dus gelegen geweest: op de supplicatie van
+seker persoon, heeft de Keiser last gegeven aen Pompejanus Consulatis
+Campaniæ, die doe onder den Keiser dat quartier van Italie regeerde, dat
+sekere sententie, ten voordeele van den suppliant, soude ter executie
+leggen, sonder jet meer daer by te voegen. Pompejanus het werk by de
+hand nemende, bevind dat 'et soo glad niet en gaet, maer gelijk het
+schijnt, datter oppositie valt. Derhalven vind Pompejanus sich verlegen,
+als siende dat sijne commissie niet verder en ley, als om te executeren,
+ende dat aen dit werk wat meerder vast was, als eene simpele en blote
+executie. Ende daerom neemt Pompejanus sijn recours tot den Keiser,
+gelijk sijne Stadhouwers, in alle voorvallende swarigheid, gewoon zijn
+geweest te doen: ende sulx soo geeft hy hem te kennen, hoe 't met die
+saek gelegen was. Waer op nu de Keiser antwoord, hoewel hem met expresse
+woorden niet en was aenbevolen, kennisse te nemen ende te oordelen vande
+saek self, maer dat sijne commissie niet verder en sprak, als van de
+executie, dat hy evenwel behoort te inquireren ende ondersoeken op de
+waerheid van het te kennen geven van den Suppliant, ende soo hy bevind
+datter eenig bedrog mede vermengt is, ende dat de Suppliant den Keiser
+geabuseert heeft, dat hy Pompejanus dan sal kennisse nemen vande geheele
+saek, ende die determineren. Dit nu in effect zijnde het gene de Keiser
+verstaen heeft, gaet nu heen, segt dat het inquireren een regael is,
+datmen 't niet mach excerceren sonder expresse commissie, dat sijne
+Hoogheyd de nominatie niet mach voor onwettig verclaren, ende
+diergelijke moye dingen meer. Maer siet eens of al dit getuyt niet en
+komt te vervallen door dese eene Wet van Constantinus alleen. Ende om
+noch verder te gaen, indien sijne Hoogheyd, uyt dese lieve nominatie,
+electie hadde gedaen, ende daer mede deselve nominatie geapprobeert, wat
+soude men daer af hebben moeten oordeelen volgens de dispositie vande
+Roomsche Wetten? sou men niet moeten seggen, dat hij qualick hadde
+gedaan, ende het gene niet en behoorde? Buytentwyffel, ja. En so men
+daer af begeert eene Wet, ik salse mede geven genoegsaem in terminis,
+zijnde in ordre de twaelfde sub titulo Digestorum de appellationibus.
+Maer tot illucidatie van dien sal ik voor af seggen, antequam aliquis
+Duumvir crearetur, indici debuisse concilium publicum, quæ indictio in
+eo negotio requisita fuit solemnitas, soo als ons aengewesen {Pag.19}
+werd in l. Nominationes. C. de appellat. Nu is het gebeurt, ut omissa
+illa solemnitate, nulloque actu ex lege habito, aliquis popularium
+vocibus Duumvir postularetur. Waer toe de Stadhouwer sijn advoy ende
+consent mede heeft gegeven, soo dat dien het duumvirat overdrongen was,
+goed gevonden heeft te appelleren. Maer wat seyt de Jurisconsultus
+Ulpianus daer van in illa lege duodecima? In 't reguard van den
+Stadhouder, _Eum comfontire non debuisse_, ende in reguard van den
+opgeworpen Duumvir, _in re aperta appellationem esse supervacuam_. Want
+alles was nul en krachteloos, soo wel de proceduyren van 't volk, als
+het advoy en consent vande Stadhouwer. En waerom doch nul? Niet om
+dat'et sou gedaen zijn by die gene, die gene nominatie of electie, of
+recht van creëren en hadden, meer om dese eene informaliteyt, dat die
+gerequireerde en solemnele convocatie niet en ware voorgegaen. En hier
+in 't nomineren vande Mannen van achten, hoe is 't daer mede toegegaen?
+komt het wel op eene aen? Om andere informaliteyten nu verby te gaen, is
+die niet geschiet ten overstaen van die daer niet en hadden behooren te
+wesen? Hebben niet mede nevens sommige Dekens eenige Overluyden gestemt,
+die het gans niet toe en komt? sijnse niet overstemt, die niet overstemt
+en konnen werden? Soo sijne Hoogheyd hier sijn advoy ende consent mede
+hadde toegebracht, en souw niet yder een met Ulpiano moeten seggen
+hebben, _Eum consentire non debuisse_? Maer neen sal men seggen, dit en
+heeft hier gene plaets, want het Gerecht hadde hier alrede in versien,
+ende de nominatie gelegitimeert, ende soo en had hy sulk eene censure
+niet te vreesen. Ja dat is soo dat men 't seyt, want die van Dordrecht
+schrijven sulx publijkelik, en willen 't van yder een mede soo gelooft
+hebben. Ende het is waer ik hoor mede seulken tael, maer die klinck my
+inde oren, als of men seggen wilde, even gelijk een Souverain een
+basterd of onwettig geboren legitimeert, ende neven andre wettig
+geboorne doed passeren, het selve Gerecht also mede bevoegt is, eene
+onwettige en informe nominatie wettig te maken, ende nevens andre
+wettige en deugdelijke, als van een alloy ende valeur zijnde, te doen
+deurgaen. Ende in gevolge al isser overstemminge gevallen, daer gene
+overstemminge plaets kan hebben; al is de nominatie geschiet in
+tegenwoordigheid, ten overstaen ende directie vande gene die de
+privilegien en wetten daer van submoveren; al nomineren mede de
+gene die volghens privilegien gene qualiteyt en hebben, om te {Pag.20}
+nomineren; al is de nominatie niet vry geschiet, maer door ongehoorde
+cuperyen en dreygementen geforceert, als maer de aessem van het Gerecht
+daer over gaet, soo vallen alle seeren af, alle leemten verdwynen, en
+men is van alle corruptien gesuyvert, ja soo seer als een duyfje dat de
+pocken heeft, daer immer niet op en valt te smalen. Ende daer mede gaet
+soodanige nominatie deur nevens de beste die van alle ouwe tyden souwen
+mogen sijn geschiet. Is dat niet wel gesuyvert ende gelegitimeert? Ik
+heb dat wel geleert, dat voor desen aen den Souverain het recht van
+legitimeren plagh toe te komen, maer niet aen eenigh subaltern gerecht,
+altijdt niemand en souw voor desen sulx hebben derven sustineren, maer
+onwettige actien en valsche positien voor wettige ende ware te
+verklaren, en weet ik niet dat oyt voor desen eenig Souverain heeft
+gedaen, of oock sijne maght misbruykende, in het toekomende sal willen
+doen. Soo dat de majesteyt van dit Gerecht, soo ver de Souverainiteyt
+van andre hooge machten te boven gaet. Dan dit en is soo seer niet te
+verwonderen, dewijl dit Gerecht al noch yet meerder heeft, dat andere
+Recht-bancken noch Hoven van Justitie niet en hebben. Dat namentlik het
+selve eens geoordeelt hebbende, andermael van de selve saeck magh
+oordelen. Het welcke soo niet en plagh te wesen, als wy in onse
+jonckheyt uyt Terentio hebben geleert. Want wy hoorden den daer Phormio
+spotsgewijse aen Demipho dese woorden te gemoet voeren.
+
+
+ At tu, qui sapiens es, Magistratus adi,
+ Judicium de eadem causa iterum ut reddant tibi,
+ Quandoquidem solus regnas, et soli licet
+ Hic de eadem causa bis iudicium adipiscier.
+
+
+Of alle de gene die in dat Gerecht sitten, dese les wel geleert sullen
+hebben en weet ick niet, maer dat tonen sy altijdt, dat die voor dees
+tijdt, haer niet te pas en komt. Want, na dat het selve Gerecht, uyt
+hare absolute en Souvereyne maght, de nominatie, met kennis van saken,
+heeft gelegitimeert, en overgesonden, soo verstaet het dat by het selve
+noch souw staen te examineren, offer in de selve nominatie eenige
+abuysen of informaliteyten waren begaen, indien sijne Hoogheydt, of
+yemand anders, wilden sustineren, dat'er eenige begaen waren. Ende die
+bevonden sijnde, soo souw het selve Gerecht, na desselfs {Pag.21}
+gewoonlicke billickheyt, deselve corrigeren en beteren. Ende hier uyt
+resulteert dan noch eene derde preëminentie boven alle Hoven ende
+Rechtbancken, dat het soo doende, sal oordelen in sijne eygen saeck.
+Want in 't examineren van de informaliteyten, sal mede in consideratie
+konnen komen, of oock de oversendinge van de nominatie wel en op
+behoorlicke tydt is gedaen. Ten anderen, of het hooft van de nominatie
+niet puyr valsch is, als sijnde in 't selve gestelt persoonen in wiens
+presentie die souw sijn geschiet, die daer wel present hadden behooren
+te sijn, maer inder daed daer niet en sijn geweest, ende verswygende,
+dat'er die present sijn geweest, die daer gans niet en hoorden. Ten
+derden, of niet het Gerechte selfs 't geen is geweest, dat de over
+luyden heeft geauthoriseert op de nominatie van de Mannen van Achten
+present te mogen sijn om door haer, in præjudicie van de Dekens, de
+maght van de nominatie in haer gewelt te krygen. Ten vierden, of eenige
+uyt den Gerechte selfs haer niet en hebben vervorderd, tegens de wetten
+aen, niet alleen schandelick te kuypen, maer ook Dekenen hebben
+geforceert door dreygementen ende beloften. Siet, alle dese moye
+dingetjes, en meer andre die het in 't geheel heeft gedaen, of voor een
+goed gedeelte aen heeft geparticipeert, die sal het Gerecht oordelen en
+na meriten corrigeren: ende dat, 't geene sonderlinge te noteren staet,
+na soo eene sine en solemnele legitimatie. Ende daer het Hof niet magh
+oordelen van sijne competente jurisdictie, als dese Parnas-bende seyt,
+daer vermagh het Gerecht van Dordrecht dit niet alleen, maer oock alle
+andre moye fraigheden, hier voren verhaelt. Sijn dat niet moye bonen,
+want sy rollen als erten?
+
+Maer dit, en wat er meer souw mogen sijn, souw men wel schoon en suyver,
+als men seyt, gedilueert hebben (immers soo wel geloof ick alsmen 't te
+voren had gelegitimeert) _hadden die van Dordrecht sijne Hoogheydt,
+wegens de gepretendeerde informaliteyten, esclaircessement ofte bericht
+mogen geven, als de Commissarisen van het Hof, aen wiens jurisdictie sy
+haer niet garen getrocken sagen, daer niet tegenwoordigh waren geweest._
+Dan het en schort die lieden daer niet. Want sy weten wel dat die
+Commissarissen in die saeck noyt jurisdictie en hebben geëxerceert, maer
+ook daer en boven publikelick hebben verklaert, daer in gene jurisdictie
+civilik of criminelick te sullen exerceren. Gelijck oock het soo klaer
+als den dagh blyckt, dat sy 't tot noch toe niet en hebben {Pag.22}
+gedaen, noch van meningh en sijn te doen. Maer het bericht, dat men
+geven wilde, dat woude men doen in crepusculo, als de Vleer-muysen en de
+Nacht-uylen beginnen te vliegen, & remotis arbitis. Nu, waerom sy dat
+soo wilden, weten sy selve wel, en die van sinnen niet berooft en is,
+kan het wel lichtelick denken. Om dat men dan gedwongen werd het Auter
+te ontdecken, ende te toonen wat properheden daer onder schuylen, soo
+moet ick seggen, dat sijne Hoogheydt aen Burgemeesteren ende Regenten
+van Dordrecht geschreven hebbende, dat sy eenige uyt den Gerechte wilden
+senden, om op de aengebrachte klachten te werden gehoort, dat'er oock op
+den 28. December 1684. des mergens te negen uyren eenige uyt den selve
+Gerechte, met hare Secretarisen, voor hem sijn verschenen, hebbende hy
+mede by hem daer ontboden degene, die als Commissarisen te vooren te
+Dordrecht waren geweest. Ende na dat de selve Gedeputeerde waren gelast
+neder te sitten, soo hebben sy aen hem overgelevert, hare credentialen.
+Welcke gelesen sijnde, ende hy haer willende vragen, volgens sekere
+opgestelde Articulen, soo is by hen Gedeputeerde geseyt, dat sy van den
+Out-raedt of Vroedschap prohibitive last hadden, om te antwoorden in
+tegenwoordigheydt van Commissarisen van den Hove. Waer op in effecte by
+sijne Hoogheydt is geantwoordt, dat dese sake den Gerechte raekte, ende
+geensins den Out-raed, wiens authoriteyt sy hier te vergeefs
+pretexeerden. Dat daer en boven de geallegeerde last, van niet te
+antwoorden, directelick streed tegens hare Credentialen aen, even te
+vooren overgelevert: Ende indien sy eenige andre last hadden, als de
+Credentialen mede brachten, datse die wilden overgeven. Ende voor soo
+veel de Commissarisen aengingh, dat hy die geassumeert hadde om hem in
+die sake te assisteren, ende nergens anders om. Want, dat hy niet goed
+gevonden hadt haer alleen te hooren, alsoo hy haer kende voor sulcke
+luyden, die ontkennen dorsten, het gene hy wist waer te sijn. Waer by is
+gevoeght, door een van de Commissarisen, dat sy gene de alderminste last
+hadden, om eenige jurisdike actie daer te plegen, maer alleen daer
+gekomen te sijn, als by sijne Hoogheydt alrede was geseyt. Doch op gene
+van alle die redenen en heeft men yet weten seggen, noch oock eenige
+nadre last produceren. En evenwel is men by sijne negative blyven
+persisteren, sonder eene stip te avanceren. Soo dat sijne Hoogheyd
+versocht, dat sy eens in een vertrek wilden gaen, ende met den {Pag.23}
+andren consulteren, offe niet de geproponeerde difficulteyt konden over
+stappen, ofte ook nader komen. Maer wederom gekomen zijnde, hebben sy
+inde voorschreve negative blyven persisteren, seggende dat sy alles aen
+hare principalen souwen refereren, ende van het nader geresolveerde
+raport doen. Waer mede dan die sessie is geeyndigt. Maer verwacht
+werdende, dat sy na eene dag of twee, het beloofde raport souwen komen
+doen, ende niet verschijnende, heeft sijne Hoogheyd eene twede missive
+laten afgaen, met versoek, dat sy weder voor hem wilden verschijnen op
+den 2 van Januar. 1685. Gelijk sy dan ook gekomen zijn. Maer hier en
+heeft men nu niet de minste mentie gemaekt, 't geen sonderling is te
+noteren, dat men in tegenwoordightyd van Commissarisen (die doe daer soo
+wel verschenen waren, als te voren) niet en kost ofte wilde antwoorden,
+maer wel ter contrarie, dat men souw verklaringe doen. Dan hoe dede men
+dat? Even als een leger, dat sigh voor sijnen vyand te swak bevindende,
+in het aftreken of retireren, noch wel eens vier geeft, niet soekende
+hoe het vechten souw mogen, maer hoe dattet het vechten mach ontkomen,
+alsoo mede was haer antwoorden. Want die en bestonden niet anders als in
+subterfugien ende cavillatien, die de saek niet en raekten: Als, datmen
+distingueerde, tusschen de wettelickheyd ende de forme van de nominatie.
+Daer nochtans de forme niet anders en is, als de overeenkomste van de
+saek met de wet: ende de wet, niet anders als het rechtsnoer van de
+forme. Sulx dat wettigh te zijn, niet anders en is als te hebben de
+form, die de wet prescribeert. Wederom, datmen antwoorden wilde wel
+generalleck, soo sy seyden, maer niet in specie. Het welk sy soo
+uytleyden, datse souwen verklaren, datter op de nominatie niet en waren
+gebracht vreemdelingen, minderjarige, te na den andere in maegschap
+bestaende, (waer over noyt klachten en waren gevallen) sonder haer
+verder te willen uyten, of op articulen te willen antwoorden. Maer is by
+een van hunne Secretarisen, die mede inde commissie waren versocht, dat
+sijne Hoogheyd hen copie van de articulen wilde geven. Het welke hy
+toestond, indien sy wilden antwoorden. Maer alsoo sy in die conditie
+gene behagen en hadden, soo en hebben sy ook die articulen niet bekomen.
+Ende daer mede is ook die tweede sessie geëyndicht. Waer uyt dan
+klaerlik blijkt, voor eerst, dat sijne Hoogheyd seer onheusselik werd
+getraduceert, als of hy geen bericht van die van Dordrecht had {Pag.24}
+willen ontfangen. Ten anderen, dat het Hof hier seer sinisterlik werd
+ingetrocken, even of het selve, door presentie van eenige uyt den haren,
+als die van Dordrecht wierden gehoort, sijne jurisdictie wouw vast
+maken, ende extenderen over dien van Dordrecht. Ten derden, dat die van
+den Gerechte van Dordrecht door dese weygeringe ende onwilligheyd sijn
+geworden veri contumaces en wederhorig, soo dat alle de articulen, op
+welcke sy niet en hebben willen antwoorden, te recht by sijne Hoogheyd
+voor soo veel gehouwen sijn als bekent. Ten sulcken effecte, dat hy,
+gesien hebbende de verificatien vande selve articulen, wel heeft
+vermogen de onwettige nominatie te rejecteren, ende weygeren eene
+electie uyt deselve te doen. Want hoewel het de plicht is van sijn
+Hoogheyd, om uyt een meerder getal de electie te doen, soo is hy evenwel
+het selve niet anders gehouwen te doen, als uyt eene legitime, aen wiens
+forme niet en manqueert, dewyl anders doende, de onwettigheyd vande
+nomanatie, ook influeren souw inde electie. Ende derhalven en souwer
+niet alleen rede gegeven werden te klagen over de nominatie, maer over
+nominatie ende electie beyde. Als hiervoren overgenoeg aengewesen is.
+Soo dat nu hier uyt seer klaer blijckt, wat voor fine lieden het moeten
+zijn, die derven klagen, dat men sijne Hoogheyt niet en heeft mogen
+berichten, ende esclaircissement geven. Indien nu alle dese voorschreve
+redenen ende passagien van rechten eens op den Parnas te voorschijn
+werden gebracht, ende men aen de eene zijde sal beginnen te overwegen,
+wat voor eene bres dese Grotiaensche brief daer deur heeft gekregen;
+ende aende andre zijde, watter al tot voordeel van sijne Hoogheyd werd
+by gebracht, soo en geloof ik niet, dat Barnevelt vande selve meninge
+sal blyven, om namentelik af te wachten de komste vanden Primier, ende
+hem gehoort gebbende, nader te delibereren op het intrecken, ofte
+antiqueren van het jus civile, ofte corpus juris. Want ik geloof dat hy
+met al de bende, overluyd roepen sal, wech met dit gespuys dat ons al
+dese brabbelinge maeckt. Ja ik en kan niet anders dencken, of men sal
+den vromen Oldenbarnevelt komen last te geven; _Videat ne respublica
+Parnassicolarum quid detrimenti capiat_: ende dat men hem expresse mede
+ordineren sal, dat hy de Justitie representerende maecht de schael met
+het swaerd, 't sy deur finesse, 't sy anders, uyt de handen wringe,
+voort eene schop van achteren geve, ende soo late loopen. Want {Pag.25}
+heeft men in voorgaende tyden den stok wel derven trecken, ende en souw
+men het nu niet doen, soo waer wel de Pernas vol gecken. Neen, men moet
+mede toonen, datmen is, ende sich soo niet laten over de neus hacken.
+Doch op dat de plaets van de verschovene sloot weder mocht werden
+vervult, wat waer 'er beter, als daer toe te consacreren en te wyen;
+Mevrouwe _Eygesucht_? Ende, om daer soo niet alleen te pronck te laten
+staen, als die uytgeworpene slobbe tot noch toe heeft gedaen, wat waer
+'er gevoeglicker, als datter, na dese tyde wijse, tot camerier,
+_Archlistigheyd_ wierde toegevoeght, versen met eene mensch, vol van
+alle soorten van onwaerheden, gestoffeerde ende ongestoffeerde, ende tot
+Staet juffers de verwloose _onbeschaemtheyd_, met hare suster
+_Snatersnel_? Doch voor al diende wel besorght, dat dese geheyligde Dame
+wierde ter hand gestelt eene stempel, waer mede wierde getekent, alle
+woorden, reden, en loyen, die op den Parnas gangbaer sullen zijn, ende
+de selve, van wat alloy of forme die oock mochten wesen, te legitineren.
+op de nieuw uytgevondene manier: verklarende alle het verdere voor
+billoen. Ende soo jemand hier souw willen inbrengen andre munt, al
+droegse het Keisers beelt, dat men hem nieten admittere, maer weer
+omsende. Ende wil hy daer tegen inbinden, dat _Snatersnel_, geassisteert
+met hare suster, niet op en houwe hem alsoo te bejegenen, dat men sijne
+rede soo weynigh sal komen in achtinge nemen, als men kan doen het
+gesangh vande nachtegael, onder het geschreeuw van de esels. So dat het
+voortaen best sal zijn, dat alle die niet van dese hoogvliegende
+Parnas-vogels en zijn, de vinger op de mond leggen. Nam, quis brachia
+contra torrentem?
+
+ * * * * *
+
+
+TOE-GIFT.
+
+Dewyl het den Missive Schrijver belieft heeft ons te verhalen, wat'er op
+den Parnas is geschiet, soo souwen wy insgelyx hem konnen verhalen,
+wat'er in het Rijck van de Maen, dewelcke, na het gevoelen van
+Xenophanes, mede bewoond werd, is voorgevallen. Ook sommige van onse
+luyden sijn daer al droomende na toe gegaen, gaen, ende al {Pag.26}
+droomende weerom gekomen sijnde, hebben dingen verhaeldt, die noyt en
+sijn geschiet, noch geschieden en sullen. Ende soo souwen wy hem met
+gelijcke munt konnen betalen, ten ware dat'et beter was eene ware
+Historie te vertellen, als verdichtselen, die min te achten, sijn, als
+de fabulen van Æsopus, of van den Arabischen Lokman. Ick sal dan seggen,
+dat het inder daed is gebeurt, datter inde maend van October des
+voorleden Jaers 1684. Weynigh dagen voor de onwettig verklaerde
+nominatie van de Mannen van Achten, ten huyse van den Burgemeester
+Francken, in de Voorzael is verschenen een goed ende aensienlick getal
+van Dekenen der respective Gildens. Dat aldaer 't selve rijckelick met
+Wijn is beschoncken, van 's achtermiddaghs te vier uyren tot des avonds
+te seven uyren, en later. Soo dat'er by eenige de Schroef al los
+raeckte, en de men het koelvat mede voor eene water-pot gebruyckte. Dit
+geselschap hier soo sijnde, is aengesproocken by den voorschreven Heer
+Burgemeester Francken, dewelcke verklaerde, dat sy daer ontboden waren,
+om haer te recommanderen de ouwe Achten, ten eynde sy inde aenstaende
+nominatie niet verby gegaen wierden. En aengaende de verdere,
+bemerckende dat over de selvige eenige beroeringe onder de Dekens ware,
+versocht hy, dat sy boven de ouwe Achten, soodanige wilde nomineren, die
+na de sin en speculatie van de Regeringe mochten sijn. Want anders
+doende, dat het van een schadelick gevolgh souw sijn. Waer na de
+Burgemeester Muys sijne welspreeckentheydt heeft getoont, ende heeft die
+vrienden aengesproocken met de volgende
+
+
+ {Pag.27}
+
+
+HARANGUE.
+
+
+_Mannen Deeckens_,
+
+Alle 't geene de Heer Burgemeester Francken uw daer geleght heeft, is
+waer en waerachtigh, en daerom kan ick my niet onthouden van uw voor al
+voor oogen te leggen de les van Salomon, dewelcke dicteert: dat alle die
+sigh mengen met die gene, die na veranderinge staen, met deselve vergaen
+sullen, dese veranderinge nu die hier by sommige quaedtaerdige, en
+ambitieuse menschen beooght, en geëntameert wort, sal seeckerlijck naer
+sigh slepcn een volkomen ruïne van de Stadt, en desselfs Finantien. Wy
+hebben veel moeyten gehadt om de vervallen Finantien van de Stadt te
+redresseren, wy hebben een Fons uytgevonden, te vooren onbekent, waer
+door de vervallene saecken weder sijn herstelt, wy hebben de Kaeyen
+gemaeckt; de Havens gediept, de Bruggens verstelt, en alles tot de
+Negotie in dier voegen geapproprieert, dat daer door de welvaert
+soodanigh is aengegroeyt, alsje alle tegenwoordigh siet, ende gewaer
+wordt, en selfs heb ick tot dese saecken uyt mijn eygen beurs aen de
+Stadt geschoten de somme van 12000 ponden, die ick jegens 3-1/2. per Cent
+laet loopen, met dien Interest te vreden sijnde, om de Stadt, die ick
+lief hebbe te soulageren. Maer Mannen Deeckens, die andere menschen die
+dese veranderinge in 't hooft hebben, en achten geen Stadt, noch geen
+Finantien, ja recht uytgeseyt, sy hebben den Duyvel en den Sacrement van
+de Stadt, en 't sijn Fielten en Schelmen die desselfs goede en
+loffelijcke Regeringe trachten te veranderen, en als 't dese Vagabonden
+daer al toegebracht sullen hebben, wat sal 't dan sijn? de Finantien
+sullen vervallen, de Stadt en desselfs Havens onbruyckbaer worden; de
+Arbeyts-luyden naeckt en leegh loopen. Ick bid u Mannen {Pag.28}
+Deeckens, en smeeck uw met gevouwen handen, datje doch na geen
+veranderingh en luystert, noch na geen menschen die 't daer mede houden;
+En siet doch wat menschen men hier al recommandeert aen u Nominatie, een
+deel Vagabonden, een deel Kalissen, hier recommandeert men'er twee, hier
+eenen Sonnemans en daer eenen anderen, daer magh'er hier en daer een
+onder sijn van middelen, maer de meeste sijn kalissen en geen luyden
+dieje dienen; Mannen Deeckens, noch behelpen sich dese menschen met dit
+voorgeven, dat ick de Prins van Oranjen soude bedrogen hebben, het welck
+valsch en Schelmachtigh gelogen is, ick stae wel by de Prins van
+Orangien, en omtrent de Treves, is by Ons niet gedaen als met kennis van
+sijne Hoogheyt; Ick bidje Mannen Deeckens luystert na sulcke leugens
+niet, en ick smeeck uw nochmael, dat gy na geen veranderingh en staet,
+maer het by u Regenten blyft houden; Soo sal de Stadt floreren, en God
+Almagtig salje Personen, en je Familien zegenen, &c.
+
+Nu eens gedroncken, wel Cameraet, uw heb ick wel gekent over 20. Jaer,
+enje Ouwers oock wel, ick brenght uw eens, sa Knecht, brenght een Glas
+van Respect, Vrienden dat moet rondt gaen, a vous de gesontheyt van ...
+
+Die hebben wy de Parnas-broeders, voor een toe-gifte, wel willen
+communiceren, alsoo het noch niet en schijnt in de archiven van hare
+Republijck ingekomen te sijn. Het welcke nochtans wel noodsaeckelick
+dient geweten te sijn, op dat men soo de Historie van dit Dordtsche
+werck met'er tydt compleet mach krijgen. Waer toe ick hoop dat andere
+vrienden, die yetwes hebben, ter materie dienende, mede de hand sullen
+leenen. Interum, lector, vive, vale, & his candidus utere merum.
+
+FINIS.
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's Aenmerkinge op de Missive van Parnas, by Anonymous
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK AENMERKINGE OP DE MISSIVE ***
+
+***** This file should be named 11884-8.txt or 11884-8.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ https://www.gutenberg.org/1/1/8/8/11884/
+
+Produced by Miranda van de Heijning, Frank van Drogen and PG
+Distributed Proofreaders
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+https://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at https://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at https://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit https://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including including checks, online payments and credit card
+donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+Each eBook is in a subdirectory of the same number as the eBook's
+eBook number, often in several formats including plain vanilla ASCII,
+compressed (zipped), HTML and others.
+
+Corrected EDITIONS of our eBooks replace the old file and take over
+the old filename and etext number. The replaced older file is renamed.
+VERSIONS based on separate sources are treated as new eBooks receiving
+new filenames and etext numbers.
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ https://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
+
+EBooks posted prior to November 2003, with eBook numbers BELOW #10000,
+are filed in directories based on their release date. If you want to
+download any of these eBooks directly, rather than using the regular
+search system you may utilize the following addresses and just
+download by the etext year. For example:
+
+ https://www.gutenberg.org/etext06
+
+ (Or /etext 05, 04, 03, 02, 01, 00, 99,
+ 98, 97, 96, 95, 94, 93, 92, 92, 91 or 90)
+
+EBooks posted since November 2003, with etext numbers OVER #10000, are
+filed in a different way. The year of a release date is no longer part
+of the directory path. The path is based on the etext number (which is
+identical to the filename). The path to the file is made up of single
+digits corresponding to all but the last digit in the filename. For
+example an eBook of filename 10234 would be found at:
+
+ https://www.gutenberg.org/1/0/2/3/10234
+
+or filename 24689 would be found at:
+ https://www.gutenberg.org/2/4/6/8/24689
+
+An alternative method of locating eBooks:
+ https://www.gutenberg.org/GUTINDEX.ALL
+
+
diff --git a/old/11884-8.zip b/old/11884-8.zip
new file mode 100644
index 0000000..de10a14
--- /dev/null
+++ b/old/11884-8.zip
Binary files differ
diff --git a/old/11884-h.zip b/old/11884-h.zip
new file mode 100644
index 0000000..8fc9b50
--- /dev/null
+++ b/old/11884-h.zip
Binary files differ
diff --git a/old/11884-h/11884-h.htm b/old/11884-h/11884-h.htm
new file mode 100644
index 0000000..ab4f65f
--- /dev/null
+++ b/old/11884-h/11884-h.htm
@@ -0,0 +1,1608 @@
+<!DOCTYPE HTML PUBLIC "-//W3C//DTD HTML 4.01 Transitional//EN">
+<html>
+ <head>
+ <meta http-equiv="Content-Type" content=
+ "text/html; charset=iso-8859-1">
+ <title>
+ The Project Gutenberg eBook of AENMERKINGE Op de Missive VAN PARNAS.
+ </title>
+ <style type="text/css">
+/*<![CDATA[ XML blockout */
+<!--
+ P { margin-top: .75em;
+ text-align: justify;
+ margin-bottom: .75em;
+ }
+ H1,H2,H3,H4,H5,H6 {
+ text-align: center; /* all headings centered */
+ }
+ HR { width: 33%;
+ margin-top: 1em;
+ margin-bottom: 1em;
+ }
+ BODY{margin-left: 10%;
+ margin-right: 10%;
+ }
+ .linenum {position: absolute; top: auto; left: 4%;} /* poetry number */
+ .note {margin-left: 2em; margin-right: 2em; margin-bottom: 1em;} /* footnote */
+ .blkquot {margin-left: 4em; margin-right: 4em;} /* block indent */
+ .pagenum {position: absolute; left: 92%; font-size: smaller; justify: right;} /* page numbers */
+ .sidenote {width: 20%; margin-bottom: 1em; padding-left: 2em; font-size: smaller; float: right; clear: right;}
+
+ .poem {margin-left:10%; margin-right:10%; text-align: left;}
+ .poem .stanza {margin: 1em 0em 1em 0em;}
+ .poem p {margin: 0; padding-left: 3em; text-indent: -3em;}
+ .poem p.i2 {margin-left: 2em;}
+ .poem p.i4 {margin-left: 4em;}
+ .poem .caesura {vertical-align: -200%;}
+ // -->
+ /* XML end ]]>*/
+ </style>
+ </head>
+<body>
+
+
+<pre>
+
+Project Gutenberg's Aenmerkinge op de Missive van Parnas, by Anonymous
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Aenmerkinge op de Missive van Parnas
+
+Author: Anonymous
+
+Release Date: April 3, 2004 [EBook #11884]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ISO-8859-1
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK AENMERKINGE OP DE MISSIVE ***
+
+
+
+
+Produced by Miranda van de Heijning, Frank van Drogen and PG
+Distributed Proofreaders
+
+
+
+
+
+
+</pre>
+
+
+
+<a href="#AENMERKINGE"><b>AENMERKINGE Op de Missive VAN PARNAS</b></a><br>
+<a href="#TOE-GIFT."><b>TOE-GIFT.</b></a><br>
+
+
+<hr style="width: 65%;">
+
+<span class="pagenum">
+ <a id=page1
+ name="page1">
+</a>[Pag. 1]
+</span>
+
+<h1>AENMERKINGE</h1>
+
+<h1>Op de Missive</h1>
+
+<h1>VAN</h1>
+
+<h1>PARNAS</h1>
+<p>&nbsp;</p>
+<p>&nbsp;</p>
+<p>&nbsp;</p>
+<h3>Van den 22. January 1685.</h3>
+
+<h3>GETEKENT</h3>
+
+<h3>HUGO de GROOT.</h3>
+<span class="pagenum">
+ <a id=page2
+ name="page2">
+</a>[Pag. 2]
+</span>
+
+<p>&nbsp;</p>
+<p>&nbsp;</p>
+
+<span class="pagenum">
+ <a id=page3
+ name="page3">
+</a>[Pag. 3]
+</span>
+
+
+<hr style="width: 65%;">
+
+<a name="AENMERKINGE"></a><h2>AENMERKINGE</h2>
+
+<h2>Op de Missive van</h2>
+
+<h2>PARNAS</h2>
+<br>
+<p>&nbsp;</p>
+<p>&nbsp;</p>
+<p>Na dat de Griecksche Parnas, door de Turckschen mogentheyd verscheyde
+eeuwen verwoest gelegen hadde, ende daerom nu niet meer en wierde
+gefrequenteert, soo heeft Boccalyn eenen anderen in Italien weten te
+vinden, dan die gansch van ene andere natuer ende operatie was, als wel
+de Griecksche te voren ware geweest. Want de gene die op de eerste
+verkeerden, wierden beschenen met allerley klaerheydt, soo dat de
+duysterheyd van haer verstant quam te verdwynen, en aengedaen wierden
+met veelerley kennisse, soo dat sy verborgene dingen, oock selfs
+toekomende, wisten te openbaren. Maer die op den Boccalynsche Bergh
+quamen te verschijnen, bevind men nergens anders in uyt te steecken, als
+in alle soort van busche scherpsinnigheyt, hebbende tongen der Slangen
+niet ongelijck; ende sy selve van nature als de boose Muyl-Esels, die
+van vooren byten, van achteren schoppen, niemand sparende, als die sy
+niet en konnen bereyken. Op dese inventie hoewel Boccalyn seer praelde,
+soo is het evenwel daer mede soo uytgevallen, dat hy geluckigh souw
+geweest hebben, by aldiense hem niet dierder had komen te staen, als den
+hond, soomen seyt, de worst doet. Waerom dan oock niemand naderhand lust
+gehad heeft, om de naem te verkrygen, van diergelijcke Contrey ontdeckt
+ofte gevonden te hebben. Maer evenwel gelijck de natuer veele
+veranderingen uytwerckt, doende effene Landen tot Bergen oprijsen, ende
+Steden in den Afgrond versincken, soo is het mede gebeurt, dat in
+Hollant ontrent het Ye, de daryachtige gronden soo sijn opgegist, dat se
+dreygen den Boccalynschen Berg te sullen overtreffen. Ende, soo men
+seyt, souw Apolio mede daer alrede aengekomen sijn, ende in die lucht
+behagen genomen hebben, na
+<span class="pagenum">
+ <a id=page4
+ name="page4">
+</a>[Pag. 4]
+</span>
+dat hem de Grieksche Laurieren hebben
+beginnen te stincken. Dat ook na sijne komst aldaer mede waren
+verschenen <i>Cicero, Cato, ende alle de gene die sich ooyt met
+Staetssaecken hebben bemoeyt</i>, als <i>Hogerbeets, Renyl, Ledenbergh</i> ende
+ook <i>Barnevelt</i>, maer die gelijk als Sint Denijns, sijn hooft in bey
+sijne armen droegh, welcken Denijs hy ook schimperlijk verweet, dat
+deselve sijn hooft maer twee mylen ver had konnen dragen, daer hij het
+sijne uyt den Haegh tot op den top van den Amstelschen Parnas hadde
+gedragen. Benevens dese is daer mede verschenen den welbekende Keiser
+Iustinianus, dragende nu niet de Kroon van het Grieksche Rijk, maer een
+Amstels jok van bockenhout, dat hem nieuwlix op geleyt sijnde, de
+schouderen hadt deurgeschuert, alsoo 't hem gansch niet paste. Gelijk
+men dan ook seyt, dat daer versch aengekomen was de Burgemeester <i>van
+den Broek</i>, die wondre nieuw maren uyt Holland medebraght, waer over
+verscheyde van die Parnasbroeders ook haer sentiment seyden, waerd
+altemael om vanden vermaerden Hugo de Groot beschreven te werden. Daer
+waren voor desen wel aengekomen Socinus, Arminius, Vorstius, Spinosa,
+met haersgelijken, maer dewijl dit hare rol niet en was, soo en sijn sy
+op dit Theater ook niet verschenen, maer sijn van ver blyven staen om
+het spel aen te sien. Waer van principael Acteur was de voorschreve Heer
+Burgemeester van den Broek, refererende <i>'t gene eenigen tijd soo tot
+Dordrecht, als inde Vergaderinge vande Staten van Holland ende
+West-Vriesland op het subject vande nominatie der goede luyden vanden
+Achten der voorschreve Stadt, ende het herdoen van de selve voorgevallen
+was</i>. Als mede op <i>wat wijse de Heeren Commissarissen van den Hove van
+Holland haer in dese saken hebben gedragen</i>. Het welk sekerlik met
+groote verwonderinge moet aengehoort geweest sijn, principael indien die
+Burgemeester daer by geseyt heeft, gelijk het de waerheyd is, dat hy van
+die tydt of, en misschien eerder, van die swakheyt van lichaem niet
+alleen, maer ook van herssenen is geweest, dat hy de Commissarissen door
+sigh selven niet en heeft konnen antwoorden, maer heeft het laten doen
+door andre, die hy tot dien eynde in sijn huys ontboden hadde. Soo dat
+hey selfs naeulyx wetende watter in sijn eygen huys omme gingh, veel min
+geweten heeft watter op het Raedthuys of in der Staten Vergaderinge
+geschiede. Alsoo hy in die tydt die de bequaemheyt niet en had, om
+buyten sijn huys te konnen gaen of ryden. Soo dat ick presumere, dat hy
+gesuysebolt, of gedroomt sal hebben,
+<span class="pagenum">
+ <a id=page5
+ name="page5">
+</a>[Pag. 5]
+</span>
+als hy
+dit verhael sal hebben gedaen, ende grovelik dienvolgende gemist. Het
+welk van dien ouwen hals niet vreemd en was, alsoo ik sie dat sulx de
+andre Parnasbroeders ook wel overkomt, ende ik uyt den brief van de Heer
+de Groot lees, dat sy luyden <i>den Primier van de Heeren Commissarissen,</i>
+die tot Dordrecht sijn geweest, <i>daer</i> by henluyden, <i>al eenigen tijd te
+gemoet hebben gesien.</i> Want hebben sy hem al eenigen tijd te gemoet
+gesien, soo hebben sy ook al eenigen tydt gedroomt ende gedoolt, soo wel
+als den nieuw aengekomen Burgemeester, dewijl by hier nu noch sit, ende
+onseeker is wanneer hy hier van daen vertrekt. Soo datmen niet en hoeft
+te denken dat dese Parnasgasten sijn <i>tanquam abqui Semides &amp; adoptiva
+quadam numina,</i> als die ook hare misslagen hebben. Gelijk het selve noch
+nader daer uyt blijkt, dat sy hem als noch sitten en waghten. Want light
+en komt hy noyt op sulk eenen Parnas, daer sigh luyden onthouden die
+schrijven en dryven, <i>Spiritum Antichristi magis regnare ad lacum
+Lemannum, quam ad Tybrim.</i> Alsoo hy soodanige positien exerceert. En
+voorsichtiger souden sy doen dat sy de deuren in tyds toesloten, op dat,
+al quam hy kloppen, niet in gelaten en wierde, ten eynde over soodanige
+poincten, als hier vooren, of diergelijke, gene onrust op den Parnas en
+wierde verwekt. Want hoewel hy flexibel is, soo dat men hem souw om de
+vinger windeen, soo en is hem echter niet nieuw een Kamphaen in de kam
+te byten, schoon dat se al vry wat langh gebeckt sijn. Soo dat my daer
+uyt schijnt, dat die luyden, daer op dien Parnas, de beste positie niet
+en houden, voor hoe groten politicum men den Heer de Groot, die het rad
+daer draeyt, ook wil houwen. Want hoewel hy te houwen is voor een man
+vande uytstekenste geleertheyt, soo en belet dit niet, dat men sonwijlen
+sich vergist. Ende valt somwylen al eens voor, dat het spreekwoord
+bewaerheyt wert. <i>Magna ingemia, magni errores</i>. Soo dat oock de
+Monicken hebben weten te seggen: <i>Clericus edoctus non est semper sale
+coctus</i>. Tot eene preuve van dien sal ik voor eerst maer seggen, dat als
+een persoon van de eminentste qualiteyt in dese staet hem een gunstig
+oogh had toegeworpen, soo quam hy in den jare 1632 driftig herwaerts
+aengeloopen, verhoopende, dat hy nevens d'andre ouwe Santen, weder op
+het Autaer souw werden geset. Maer alsler ordre quam van de Heeren
+Staten van Ho'land, dat hy uyt den Lande sou hebben te vertrecken, soo
+gingh hy heendruypen, als een hond, die sijne staert verlooren heeft.
+Hier nevens sal ik noch voegen, dat als hy de Babylonische Hoer van hare
+voorname quetsure ende hooftwonde,
+<span class="pagenum">
+ <a id=page6
+ name="page6">
+</a>[Pag. 6]
+</span>
+die de eerste Reformateurs haer
+hebben gelastigeert, heeft willen cureren, wat heeft hy daer deur anders
+uytgeright, als datter is ge&euml;xciteert het <i>Classicum belli Sacri</i>, ende
+dat hy geprocureert heeft sijne eyge disgracie in het Hof van Sweden,
+daer hy doen een Minister af was. Soo dat hy daer van daen vertreckende,
+sich begeven heeft na Rostock, daer hy is overleden. Meer en sal ik voor
+deestydt van Hem niet seggen, alsoo dit genoeg is om aen te wysen, dat
+groote luyden ook hare misslagen hebben, en daerom geen wonder en is,
+indien hy het in desen Brief soo heel fix niet en heeft. Want niet seer
+ver van het begin komt de goede Keyser Justinianus, soo hy seyt, te
+voorschijn, <i>met de tranen in de ogen, klagende, dat sijne Wetten soo
+weynigh voldaen wierden</i> by het Hof van Holland. Ende dat bestaet hier
+in, als men in den selven asem seyt, dat het selve sich aenmatight <i>van
+toesicht te dragen, Ne Provincia abundat malis hominibus</i>. Waer in of
+Justinianus of Grotius eenighsincs missen, want soo en luyden de woorden
+niet in den originelen text. Hoewelle van den sin niet t'eenemael en
+devieren. Ende nochtans schreyt die goede man daer over. Wat magh hem
+daer toe bewegen? Dit namentelik, dat de Hollanders soo dom en bot
+waren, dat sy <i>syne Wetten verkeerde applicatien ende beduydingen aen
+wreven</i>; willende doen het gene sijne Pr&aelig;sides in voorgaende tyden
+hebben gedaen, uyt misduydinge van woorden; even of <i>Pr&aelig;sides
+Provinciarum met die van President en Raden</i> een en deselve waren. Maer
+voor eerst sal ik hier op seggen, dat die het Hof determineert binnen de
+palen van Pr&aelig;sident en Raden, het selve verongelijkt, daer van
+afscheurende het eerste ende principaelste lid, namentlik den
+Stadhouwer, de luyster en voorname eer van dat Collegie. Soo dat de Heer
+de Groot hier sich selfs vergist, als hebbende te voren self geschreven,
+daer hy handelt van de gene die in het Hof sitten; <i>Horum caput est ipse
+Pr&aelig;fectus Holland&aelig;</i>. Daer naer sal ik vragen, indien de Pr&aelig;ses Provinci&aelig;
+een goed werk doed, <i>conquirendo nefarios, &amp; curando ut malis hominibus
+careat provincia</i>, hoe kan dat quaet sijn als dat selve by het Hof werd
+gedaen? Hoe heeft het Hof dien Keiser sijne pap soo qualik gebotert,
+dat'et soo qualik by hem te Hove staet? Immers soo ruym als de Pr&aelig;sides
+Provinciarum de Souvereyniteyt aen den Keyser gelaten hebben, soo ruym
+laet het Hof deselve aen de Heeren Staten van Holland. Dan hoewel dit
+soo is, soo pecceert'et niet alleen daer in dat het wil procureren, <i>ut
+malis hominibus careat provincia</i>, maer
+<span class="pagenum">
+ <a id=page7
+ name="page7">
+</a>[Pag. 7]
+</span>
+ook voornementlik daer in dat'et <i>de
+Steden van Holland onder hare vrede of vooghdye wil nemen</i>. Dan indien
+men die woorden soo meent en neemt, als die seggen, soo is het eene
+vuyle calumnie. Want waer heeft het Hof, ofte yemand die niet dul en
+uytsinnigh is, geseyt: <i>us pupillus nihil facere potest sine auctoritate
+tutoris</i>, alsoo ook niet de Steden van Holland sonder overstaen van het
+Hof? Maer wil men het eene gesond verstand geven, en daer deur verstaen,
+in sijn recht en gerechtigheyt maintineren; ook helpen en succurreren,
+daer men te kort souw schieten, om uyt te voeren het gene betaemt gedaen
+te sijn; soo kan 't toegestaen werden, ende sulx en wil het Hof niet
+alleen doen, maer is ook gehouwen te doen. Want wat isser bekender
+alsdat het Hof d'eene Stadt tegen de andere in sijne gerechtigheydt
+maintineert? Gelijk sulx in veele ende verscheyden exempelen te sien is.
+Ook Grotius selve, sprekende van het Hof, seyt: <i>Ipsa quoque urbium
+controversia, abeque magna mementi hic disceptantur</i>. Ende voorts, en is
+het niet in verscher memorie, dat als die van Delft onmachtigh waren om
+in hare Stadt behoorlicke Justitie te administreren, het Hof op haer
+versoek, haer de behulpsame hand heeft geboden, ende door den Fiscael
+eenen Minne uyt hare Stadt doen halen, die by het Hof met den Swaerde is
+geexecuteert? Ende indien men die of diergelijke tutele den Hove wil
+toeschrijven, dat en sal 't niet refugieren toe te staen, hoewel 't noyt
+selve in sulke termen heeft gesproken, noch ook van meninge is te
+spreken, om gene verdere lasteringen op den hals te halen. Gelijk dan
+ook noyt 't selve geseyt en heeft, dat het is Pr&aelig;ses provinti&aelig;, versien
+met eene egale maght, als in oude tyden de Pr&aelig;sides inde overwonnen
+Provintien hadden. Want in sommige delen heeft het Hof minder, in
+sommige weerom meerder. Als daer in meerder, dat'et recht doet tusschen
+en over Steden, selfs sitplaets hebbende in de Staten van Holland: daer
+ter contratie de pr&aelig;sides provinciarum sulx niet en hadden, maer
+gereserveert was tot het oordeel van de Keiser. Waer van veele exempelen
+bij de munimenten van de ouwe Schryvers te vinden sijn.</p>
+
+<p>Maer om eens op te halen, waer van daen dese Parnas-bende de occasie
+genomen heeft, het Hof aen te wryven dese calumnie, van sich te
+qualificeren Pr&aelig;sidem provinci&aelig;, soo is het inder daed soo, dat Mr.
+Willem Stoop, Schout van Dordrecht, schriftelik dolerende over sijne
+suspensie, by het Hof gedaen, poseerde twee saken, van welke het eene
+<span class="pagenum">
+ <a id=page8
+ name="page8">
+</a>[Pag. 8]
+</span>
+was, dat
+hem by den Hove ware gelast, op de Articulen hem voorgehouwen werdende,
+soo te antwoorden, als hy met de Ede sou konnen verklaren. Het tweede,
+dat hy niet en wist, wie voor het Hof syne beschuldigers of aenklagers
+ware geweest. Waer op by Commissarisen vanden Hove is geantwoord, dat
+het eerste eene loutere onwaerheyd was, ende sodanige eene onwaerheyd,
+die genoeghsaem sich selven refuteerde. Want dat het eene seer bekende
+sake was, dat niemand wierde gelast onder Ede te verklaren, die tot
+sijnen eygen laste wierde gehoort. Soo dat hy een Rechtsgeleerde ende
+Officier sijnde men niet ken denken sodanigen saek te <i>ignoreren</i>, ende
+te vergeefs men dieshalven sou gesoght hebben hem met eene Blaes met
+bonen vervaert te maken. Op het twede is by gemelte Commissarisen
+geantwoord dat het niet nieuw en is, dat jemand sonder aanklager ofte
+beschuldiger wierde gecondemneert. Ende dat daer in tot een exempel kon
+dienen <i>Claudius Gorgus, quicum esset vir Clarissinius, nemine
+accusante, lenocinii damnatus est a Divo Severo.</i> Waar van wy den text
+hebben in <i>l. 2. &sect;. 6. de aduls</i>. Daer is by gevoeght, dat tot deselve
+wijs van Procederen behoort, het gene wy in jure hebben geordineert de
+Pr&aelig;sidibus, <i>curare nempe eos debere, ut malis hominibus provincia
+careat, eosque conquirant</i>. Waer van de text is in <i>l. 13. ff. de
+officio prasidis</i>. Waer mede over een komt het gene dat'er staet in <i>l.
+4 &sect; 2. ff peculat. Mandatis cavetur, ut Prefides Sacrileges, latrones ,
+plagiarios conquirant, &amp; ut quisque deliquerit, in eum animadvertant.</i>
+Illis enim qui conquirere tenentur, non est expectandus accusator.
+Cesiantes enim in inquirendo mandata Principum transgediuntur, &amp; in
+animadversionem eorum incurrunt. Indien men nu hier uyt magh besluyten,
+dat'et Hof is de Keyser Severus, soo magh men oock wel daer uyt
+besluyten, dat het Hof is Pr&aelig;ses provinci&aelig;, ende dat Holland als eene
+geconquesteerde Provincie aen het selve onderworpen is. Maer soo het
+eerste niet geseyt of geconcludeert en kan werden, als by geprosesside
+Sottebollen, alsoo ook niet het twede. Wie heeft oyt dus geargumenteert,
+soo heeft de Keyser geprocedeert, ende soo heeft geprocedeert de Pr&aelig;ses,
+ende soo oock procedeert het Hof, ergo soo is het Hof de Keyser, of het
+Hof is de Pr&aelig;ses. Maer seer wel, soo heeft de Keyser geprocedeert, en
+soo heeft geprocedeert de Pr&aelig;ses, ergo en is het niet nieuws dat het Hof
+mede soo procedeert, mits evenwel blyvende yder in de palen van sijne
+Jurisdictie. Gelijck het Hof in dese saeck van Mr. Willem Stoop heeft
+gedaen, obseiverende
+<span class="pagenum">
+ <a id=page9
+ name="page9">
+</a>[Pag. 9]
+</span>
+daer in hetgene Keyser Carel tot
+tweemalen heeft geordineert eerst in de Instructie van den Hove
+ge&euml;maneert in den jare 1521, ende daer na inden jare 1531. Daer wel
+uytdruckelick staet: <i>De Stadthouwer Pr&aelig;sident en Raden sullen
+naerstelick monsteren, om te vernemen de abusen ende delicten vande
+Bailluwen, ende andre Officiers, ende deselve gehoort sijnde te
+corrigeren, na exigentie van saken.</i> Alwaer wel uytdruckelick
+gedefinieert is wie dat inquireren en corrigeren sullen, namentelick de
+Stadthouwer Pr&aelig;sident en Raden, sonder de minste mentie van Fiscael,
+Aenklager ofte Beschuldiger. Daer na de last, <i>sullen inquireren</i>, ende
+oock; <i>naerstelick</i> sonder dissimulatie. Ten derden, de ordre die
+geobserveert moet werden. Als eerst, <i>inquireren</i>; ten tweden, <i>hooren</i>,
+ten derden <i>corrigeren</i>, sonder de minste mentie te maken van Proces,
+het sy ordinaris of extraordinaris. Het welcke dewyl men siet dat dit
+klemt, soo souw men garen de gantsche Instructie, als een ouwt kleed dat
+afgesleten is t'eenemael verwerpen, alsoo Keyser Carel selve sou seggen,
+<i>dat by sich niet en kon inbeelden dat dit alles nu langer geobserveert
+wierde, dewyl nu de Souvereyn altijd tegenwoordig is</i>. Maer hoe sober
+dese solutie is kan licht daer uyt afgenomen werden, dat op den eersten
+rechtdagh van 't jaer de Instructie van den selven Keyser werd
+vernieuwt, ende by de Suppoosten wederom besworen. Gelijck dan de Heer
+de Groot in sijne tijden het selve verscheyde malen heeft gedaen: welcke
+eer de Wetten van Justinianus noyt hier te Lande hebben gehad. Ende of
+niet het voorengemelde Articul in volkomen observantie is geweest binnen
+den tijd van dertigh veertigh en meer jaren, souwen de exempelen van
+veel Schouten en Bailluwen konnen aenwijsen, indien 't niet te langwylig
+en ware. Ik sal verder vragen, als Heer de Groot heeft voorgenomen te
+handelen en aen te wysen, <i>Qua in bello fuerit, post bellum sit
+Batavorum respublica</i>, of hy niet wel en had behoren aen te wijsen dat
+dese Instructie was geabollert en in ongebruyck geraakt? Maer
+mentioneert hy daer wel een woord van? Ja en seyt hy niet ter contrarie;
+<i>Ordines eandum semper non rempublicum modo, sed &amp; reipublica faciem
+retinuerunt</i>? Waer komt dan dese abolitie van de Instructie ende
+vernietinge van daen, als dat die onder hare cramery in hare mersch niet
+en past? Alia tempora, alii mores: te voren sprack men van ordre,
+reglementen, van eenigheyd, nu roept men allesints met luyder kelen niet
+anders als van liberteyt en vryheydt, soodanigh dat men tusschen die en
+ongebondenheyd geene
+<span class="pagenum">
+ <a id=page10
+ name="page10">
+</a>[Pag. 10]
+</span>
+onderscheyten maekt. Wat my belanght,
+ick ben in vreedsamige tyden, ende oock in een vry Land gebooren. Ende
+gelijck ick hoop in vreedsamige tyden, alsoo hoop ick oock in een vry
+Land te sullen sterven. Soo ver oock, dat ick van die hope ben, dat noch
+ick, noch mijne kinderen, sal ofte sullen behoeve te sien, dat'er een
+Hollandsch Romen sal opstaen, daer de andre leden onder souwen moeten
+suchten. Sed ut sub specie boni &amp; qui perniciose quandoque erratur, ita
+sub specie libertatis saepe saevissima servitutis iniiciuntur vincula.
+Waer van om &acirc;ndre voorby te gaen, de Monicken ons exempelen genoeg
+geven, die groote liberteyt belovende, jonge of onervarene luyden uyt de
+gehoorsaemheid van ouwers of voogden trecken, ende in een eeuwige
+slavernye van het Klooster leven daer naer verdrucken, daerse van ouwers
+of Magistraet noyt uyt gereddert en konnen werden. Ende siet eens of
+hier niet na en sweemt het doen van de gene die nu tot Dordrecht het
+Oppergesagh hebben. Die quansuys de Borgers willen schijnen vry te
+maeken van het oppergesagh van Stadhouwer Praesident en Raden, maer
+alleen om dat sy alleen souwen mogen na haer believen heerschen, d'andre
+van hoger hand met alle gene hulp en hadden te verwachten. Want al dit
+gewoel, waerom men het Land in roeren stelt, en is niet om de arme en
+onnosele Burgers in meerder vryheyd te stellen, maer op dat de geene,
+die nu het meesterschap menen in handen te hebben, inde Schaepskoy wat
+vryer en ruymer souwen mogen domineren, ende hare schotels met het vet,
+ende hare lendenen met de wol wat rijckelijcker te konnen versien. Ende
+om dat'er sijn die haer selven niet garen tot eene proy souwen
+overgeven, daerom heft men sulck een geschreeu op, daerom heeft het Hof,
+dat haer inde weegh is, de lever gegeten: daerom werpe men sulck een
+gesnater uyt: <i>Dat'er geen reguard meer genomen en werd, of de Rechter
+en aengeklaeghde malkander te nabestaan, ende de Berichter partye, ende
+partye Berichter was: dat het axiame Extraterritorium, aut sine
+auctoritate jus dicenti impune non paretur: dat, Deliberante principe
+nihil esse innovandum, wierden met de voet getreden.</i> Maer om de
+waerheyde te seggen, veel geschreeus en weynigh wol. Want hoe kan men
+met eenige waerschijnlickheyd seegen, dat in al het Dortsche werck de
+Aenklager ende Rechter malkanderen te na hebben bestaen, daer het notoir
+is dat geen recht by 't Hof en is gedaen, als alleen inde saek van den
+Schout, en welke nochtans, als te voren is geseyt, gene aenklager en is
+geweest. Wat
+<span class="pagenum">
+ <a id=page11
+ name="page11">
+</a>[Pag. 11]
+</span>
+men nu met het woord <i>Berichter</i> wil
+verstaen, is my onbekent, dewijl sulx in de Neerlandsche styl van
+procederen niet en is bekent, gelijck ik mede niet en weet, dat in de
+Roomsche rechtspleginge yet diergelyx bekent is geweest. Maer dat kan
+ick seggen, dat by aldien yemand in het Hof souw hebben gesustineert
+duplicem personam, van welcke d'eene tegens d'andre streed, dat sulx
+singulierlik souw sijn gestraft geweest. Ende sulx die dat seyt sonder
+nader bewys een Calumniateur is. Dat geseyt werd <i>Extra territorium jus
+dicenti impune non paretur</i>, hoe kan dit hier plaets hebben, daer het
+Hof in dese saek van Stoop recht gedaen heeft hier in den Haegh, inde
+ordinaris residentie plaets, van over eenige honderd jaren daer voor
+bekent. Immers soo inept is het dat men seyt <i>sine auctoritate jus
+dicenti</i>. Want wien is eene Officier ratione officii anders onderworpen,
+als den Hove van Holland, wat men nu ten laetsten daer by voeght,
+<i>Deliberante principe nihil esse innovandum</i>, dat komt hier in 't minste
+niet te pas, dewyl 't van het eerste begin dat die van Dordrecht dese
+saek voor de Heeren Staten hebben gebraght, gedecideert is. Want
+syluyden versoeckende, dat het Hof geordineert sou werden stil te staen,
+soo en is 't selve versoeck niet ingewillight. Ende naderhand, het selve
+versoeck geitereert sijnde, is bij de voorgaende Resolutie
+gepersisteert. Ende vervolgens is verstaen, si non expresse, saltem
+tacite, dat het Hof souw mogen voortgaen. Het welke die van Dordrecht
+daer na, maer te laet merkende, dat het hen obsteerde hebben versocht,
+dat die notulen uyt de Resolutien van de gemelde Heeren Staten souwen
+mogen werden gelight. Het welk hen, te laet opsijnde, geweygert is. Soo
+dat daer uyt blijkt, dat hoewel op de saek ten principalen nader
+deliberatien souwen mogen komen te vallen, dat evenwel die by de Heeren
+Staten is gedetermineert, voor soo veel als de surchance ofte voortgangh
+der proceduyren van 't Hof aengaet. Daerom, soulageert vry de Dordsche
+vriendetjes ,et dot <i>Deliberante</i>, het sal haer immers soo wel helpen,
+als een papje na de dood.</p>
+
+<p>Dese gedreyghde surchance dan uyt de weegh sijnde, isser te recht verder
+voortgegaen met informeren, tot dat van de klachten consterende, de
+eerste nominatie is gerejecteert, tot groot milcontentement van dese
+Parnas bende, dewelcke sustineert, dat sijne Hoogheydt het recht niet en
+heeft om in die saek te informeren, veel min om die nomenatie te niet te
+doen, voornamentlick voor en al eer men partyen daer op hadde
+<span class="pagenum">
+ <a id=page12
+ name="page12">
+</a>[Pag. 12]
+</span>
+gehoort.
+Soo dat men nu in alle Vierscharen wel moght uitwissen, de seer bekende
+spreuke, <i>Aude &amp; alteram partem</i>. Het welke, hoewel het in haer selven
+sijn poincten van gene seer diepe speculatie, soo maektmen nochtans daer
+seer groot bohey van, soo dat die niet verby gegaen en konnen werden. Om
+dan daer af yet te seggen, soo sal ik pr&aelig;mitteren, sijne Hoogheyd van
+den ophef van dese saek niet van meninge te sijn geweest, eenige
+proceduyren aen te vangen, ende dat hy sulx ook aen de Commissarisen
+heeft verklaert, als hy hen de Articulen, in welke de beswaernissen
+begrepen stonden, terhanden stelde. Het welke ook Commissarisen ter
+Vergaderinge hebben bekent gemaekt, wel expresselik daer by voegende,
+dat de meninge niet en was van sijne Hoogheydt of van den Hove, om
+civilic ofte criminelik te ageren, maer datmen alleen verseerde in een
+naekt ondersoek van waerheydt, op dat sijne Hoogheyt de klaghten, by
+eenige Burgers van Dordrecht gedaen, niet lightvaerdigh souw verwerpen,
+of ook de nominatie door sijne electie sou komen te approberen, indiense
+misschien informeel moghte sijn. Soo dat hier de questie is, of soo een
+bloot ondersoek van waerheydt daer gene rechtspleginge op en staet te
+volgen, sijne Hoogheydt heeft mogen doen of niet. Eer ik hier yet op
+segge, soo sal ik pr&aelig;mitteren, dat gelijk de nominatie de Dekenen
+toekomt, van de Mannen van achten, dat alsoo mede aen sijne Hoogheydt de
+electie toekomt. Dat is gelijk de Dekenen sijn gehouwen eene rechte ende
+deughdelijke nominatie te doen, dat alsoo mede sijne Hoogheydt eene
+rechte ende deugdelijke electie. Nam paria sunt, aliquid non facere, &amp;
+non facere debite &amp; legitimo modo. Sal nu sijne Hoogheydt debito &amp;
+legitimo modo sijne electie doen, soo moet hy ook toesien niet alleen,
+dat hy in sijne electie niet en exorbiteert, maer ook, dat hy die niet
+en doed uyt eene nominatie, die informeel ende onwettigh is; alsoo uyt
+eene informele nominatie gene wettige electie en kan gedaen werden:
+Immers al soo weynigh als eene electie kan gedaen werden sonder
+nominatie: dewijl het geen informeel is, niet meer geacht werd, als of
+het gansch niet en ware. Ende daerom soo sal ik seggen, dat sijne
+Hoogheydt seer wel heeft vermogen, ja gehouwen is geweest, op de
+waerheyt van de klaghten hem overgelevert, te informeren, het sy selve
+ofte ook door andre, Nam qu&aelig; per alios facimus, ipsi facere videmur.
+Quia nobis impellentibus fiunt. Nu is het soodanigh, gelijk Cicero seyt
+Officiorum primo, <i>inprimis homini propriam esse veri inquisicionem
+atque investigationem</i>; ende, <i>Falli, errare, labi, decipitam dedicere,</i>
+<span class="pagenum">
+ <a id=page13
+ name="page13">
+</a>[Pag. 13]
+</span>
+<i>quam
+delirare &amp; mente captum esse</i>, is het, segh ik, soodanig, waer past het
+beter de waerheyt te ondersoeken, als daer men verseert in saken van
+Staet, en daermen verseert in 't bestellen van de Magistrature, aen
+welke het welvaren hanght van Landen ende Steden? Ende is het soo
+schandelick te missen, vallen, bedrogen te werden, wien voeght sulx
+minder, als personagien van soo eminente qualiteyt, als is sijne
+Hoogheydt? Indien men hem wil constringeren om sonder onderscheydt, uyt
+alle nominatien, hoedanigh die ook souwen mogen sijn, electie te doen,
+soo sal men hem bedwingen in sulk een perk, uyt het welk hij sich niet
+en sal konnen redden, sonder mis te tasten, ende sonder den Lande grote
+ondienst toe te brengen. Het welk van de grootste iniquiteyt niet te
+excuseren en is. Alle menschen, soo ver sy met vernuft begaeft sijn, en
+sullen niet yetwes van eenige importantie sijnde, by de hand nemen, of
+sy sullen niet alleen inquireren, ondersoeken en overleggen hoe het in
+haren boesem gelegen is, wegens het gene sy voor hebben, maer examineren
+ook het gene buyten haer is, namentlik offer gene obstaculen sijn, die
+haer souwen konnen verhinderen. Gelijk yemand, die eene reys buyten
+s'Lands meent aen te nemen, overleyt niet alleen, of dat nut voor hem
+sal sijn, maer ook, of hy wel Schuyt en Wagen, tot sijne dienst sal
+konnen krijgen; of de wegen door vyanden of stroopers niet beseten sijn,
+met noch vyfentwintigh andre dingen meer. Maer soo syne Hoogheydt yet
+diergelyx doed, en dat in eene sake van het groote gewichte, handen
+vande bank, dat sijn regalien, dat en komt hem niet toe, of moest
+bewesen werden, dat het hem specialick vergunt was. Maer my belangende,
+soo wil ik wel eens gevraeght hebben, waer het ondersoeken, informeren,
+of horen van getuygen, een speciael regael werd genoemt, 't sy by de
+ouwe Schryvers, die de consuetudines feudorum by een gevoeght hebben, of
+die haer naderhand op dat spoor sijn gevolght. Ende geen speciael regael
+sijnde, soo en kan het niet wel speciael gegeven geweest sijn. Ja ick
+sal meer seggen, dat het gene yder een toekomt jure naturali &amp; omnibus
+communi, gelijk als dit doed, geen regael en is, ende ook niet sijn en
+kan, of de natuer self moest omgekeert werden. Ende by exempel, de
+verklaringen, die genomen werden, ad perpetuam rei memoriam, gelijkenen
+die wel regalien! Als, neemt dat ik aen een stuck leengoeds yet te kost
+geleyt hebbe, het welk ik sou konnen
+<span class="pagenum">
+ <a id=page14
+ name="page14">
+</a>[Pag. 14]
+</span>
+repeteren, indien 't quame te
+vervallen, ende op dat daer van t'alled tijden souw mogen blijken, ik
+voor Notaris en Getuygen, of voor eenigen Rechter, doe verklaringe
+beleggen, usurpere ik daer mede regalien? Wie heeft oyt sulx gehoort? Wy
+weten, dat jurisdictie te plegen, dat sijne Hoogheydt binnen Dordrecht
+niet en heeft gepretendeert, een regael is, maer in het minste niet het
+simple ende eenvoudige hooren van getuygen. Daerom, als, ten tijde van
+Jan de eerste, sekere Baillu van Zuyt-Hollant begeerde met Schepenen van
+Dordrecht <i>te ondersoeken op sommige saken ende misdaden</i> (welk men doen
+plagh te noemen, stille waerheydt besitten) <i>die tot Dordrecht waren
+geschiet</i>, soo hebben deselve Schepenen sonder eenige discepatie,
+<i>toegestaen voor die reyse met hem te sitten, niet om te oordelen en
+rechten, maer om te ondersoeken</i>. Als wel wetende, dat het selfe
+<i>ondersoeken</i> henluyden in hare jurisdictie gene prejudicie en gaf:
+<i>quia judicium a citatione</i> ut pragmatici loquuntur, <i>initium sumit</i>. Of
+soo Justinianus spreekt &sect; finali. De p&aelig;na temere litiguntum: <i>Omnium
+actionum instituendarum principium ab ea parte Edicti proficiscitur, qua
+Prator edicit, de la jus vecando</i>. Maer als de Graef selve over hare
+Borgers recht spreken ende oordelen wilde, soo hebben Schepenen, die te
+voren soo facyl tegen den Baillu waren geweest, sich selven wel
+ernstelick daer tegen gekant: Seggende:</p>
+
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Onse Handvest segget wel</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Dat wy ende niemand el</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Recht ende vonnes seggen mogen,</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Over onse Poorters van lagen van hogen.</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Deese vryheyd gaf u oude Vader</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Coninc Willem, die wy allegader</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Hebben bezegelt en beschreven,</i></span><br>
+<span style="margin-left: 4em;"><i>Dus ons van uwen ouwers bleven.</i></span><br>
+
+<p>Het welke veele onlusten gebaert en haer in veele swarigheden heeft
+geinvolveert, die sy standvastigh hebben uytgestaen, daerse niet
+difficyl aen den Baillu, als hy niet verder en pretendeerde als het
+<i>ondersoecken</i> ende horen van getuygen, haer hebben getoont. Ik weet
+wel, datmen ook kan informeren om een begin van een Proces te maken, het
+geen hier niet alleen niet en is geschiet, maer waer tegen men altydt
+heeft geprotesteert.
+<span class="pagenum">
+ <a id=page15
+ name="page15">
+</a>[Pag. 15]
+</span>
+Ende sulcx doet men ongelijck aen
+sijne Hoogheydt; datmen hem uytmaeckt voor eene Usurpueur van eens
+anders Jurisdictie. Waerom en siet men hier niet in, als men in andere
+saken gewoon is te doen, faciendi causam? Volgens den wel bekenden
+regel, <i>Nonfactum, sed facienda causa inspicienda est.</i> Want soo leert
+ons Ulpianus in l. 39. ff. de furtis: <i>Verum est, si meretricem, alunam
+ancillam, rapuit quis, velcelavit, furtum non esse. Nec enim factum
+quantur se causa faciendi. Causa autem facienda libide furt, non
+furtum.</i> En soo en heeft het informeren van sijn Hoogheydt gene andre
+oorsaeck gehad, als de begeerte van de waerheydt, ende niet usurpatie
+van jurisdictie. Gelijck oock het vervolg heeft getoont. Nu voortgaende
+sal ick seggen, hoewel dese dingen genoegh sijn om volkomentlick het
+recht van sijne Hoogheyt te adstrueren, soo sullen even wel wy eens
+aenschouw nemen, wat de beschreven wetten disponeren, 't gene tot
+beweringe vande selve saek souw mogen dienen. Ende daer vinden wy dan in
+jure Canonico, dat de gene die het confirmeren van een gekoren Prelaet
+toe komt, oock toekomt het ondersoeck vande keur of electie, en ook
+vande bequaemheyt van den gekoren persoon. Ende anders geschiedende, soo
+heeft plaets dat'er gestatueert is in <i>Cap. Nihil est 44. extr. De
+election. Non solum deiseiendus est indigne promotus, verum &amp; indigne
+promovens punlendus.</i> Op welcken text Pinormitanus aenteyckent: <i>Debet
+confirmator inquirere de electionis forma &amp; meritis electi: &amp; hodie
+facta confirmatione sine causa cognitione, est ipso sure nulla.</i> Nu soo
+sich heeft de confirmatie tot de electie, soo heeft sich ook de electie
+tot de nominatie. Sulx dat men van het eene tot het andre valide magh
+argumenteren, ende seggen, het gene plaets heeft in het eene, oock
+plaets moet hebben in het andre. Ende gelijck die de confirmatie heeft
+oock moet inquireren op de voorgaende electie, oock soo moet inquireren,
+die de electie heeft, op de voorgaende nominatie. Dewyl daer deselve
+reden is, oock het selve recht moet plaets hebben. Maer hier tegen
+schrijft, soo men seyt, de Heere de Groot, dat Justinianus verklaerde,
+<i>dat dat maer alleen inde Kerckelicke bedieninge, onder den Paeus,
+plaets hadde, ende het selve aen sijne Wetten geene prejuditie te
+geven.</i> Dan ick geloof dat het dien goeden Heer inde memorie sal sijn
+geslagen, nu niet meer geheugende het gene hy te voren geweten heeft,
+dat geschiet inde Classicale Vergaderingen, na het beroep. Namentlick,
+dat daer mede werd ge&euml;xamineert de beroepinge ende beroepenes qualiteyt
+<span class="pagenum">
+ <a id=page16
+ name="page16">
+</a>[Pag. 16]
+</span>
+beyde.
+Ende nu niet meer geheugende het gene hy te vooren van het Geestelijcke
+of Canonyke recht selfs heeft geschreven. Als mede dat hy aen
+Justinianus het meeste gelijck niet en doed, niet eens gedenkende dat
+Justinianus selfs is de gene, die het fundament van het Canonyke recht
+heeft gelegt. Want dit recht is originelick gesproten uyt de besluyten,
+regulen ofte canones inde Synodale Vergaderingen beraemt ende vast
+gestelt. Welcke, alsoose te vooren in sich selven ingesien, van
+politique macht ende auctoriteyt waren gedestitueert, soo heeft
+Justinianus die, d'allerste, daer by gedaen gevende haer de auctoriteyt,
+die sijne andre wetten hadden, als men sien kan in sijn Novella 131. Het
+welck dan is geweest het begin van het jus Canonicum. Waer op gevolgt
+is, dat inde verdere tyden de Keisers selve, ofte uyt haren naem hare
+Volmagtigde inde Concilien ofte Synoden hebben de gepresideert, der
+selver Decreten ook, alsde voorgaende, kracht ende autoriteyt bekomen
+hebben, hoewel datse van de gene niet in schrift geredigeert en zijn,
+die macht hadden om Wetten te maken, moetende de Keisers als aucteurs,
+ende de Schrijvers als ministers geconsideruert worden. Waer naer daer
+by gevoeght zijn de Decreten van de Pausen, die op sekere voorvallen
+zijn of wierden geconsulteert, tot welcke Gregorius de IX. verscheyden
+dingen, genomen ex jure civili, heeft bijgevoeght, self van sodanige,
+daer hy niet van geconsulteert en wierde. Waer naer van d'een en
+d'andere noch jet is aengelapt. Ende dit dan soo zijnde, wilde ick wel
+eens gevraght hebben, of Justinianus sichs selvens niet soude vergeten
+hebben, als hy alle auctoriteyt aen het jus Canonicum souw schijnen te
+derogeren? Ende het niet eer te geloven is, dat hy Justinianus hier in
+niet wel en heeft verstaen? Wat nu de Heer de Groot selve aengaet, die
+hier toont sich selven niet meer te kennen, ofte ten minsten te geheugen
+wat hy voor desen van dit recht heeft gehouwen, soo sullen wy hem in
+fijne swackheyd te gemoed komen, en helpen herdencken, wat hy voor desen
+van dit Canonyke recht heeft geoordeelt. Hij verhaelt dan in het derde
+Boeck De jure belli cap. 12. met veel lof, dan met inde Neerlandsche
+oorlogen, de limit of frontierlanden, betalende sekere contributie, aen
+wederzyden heeft gecultiveert. Ende hy voeght daer by, <i>Hos mores
+humanitatis magistri Canones Christianis omnibus, ut majorem ceteris
+humanitatem debentibus ac profitentibus imitandes proponuns.</i> Ende om te
+bewysen dat sulcx descendeert ex jure Cononico, soo allegeert hy daer
+toe cap. 2. extr. de treuga
+<span class="pagenum">
+ <a id=page17
+ name="page17">
+</a>[Pag. 17]
+</span>
+&amp; pace. Het welck een decreet is
+gestatueert in Concilio Luateranensi, ten tijden van Alexander de derde.
+Soo dat klaer blijckt, dat hy daer het jus Canonicum ver stelt boven het
+jus Civile of Justinianeum. Gelijck hy het selve mede doed in het twee
+deel van het eerste Boeck sijns Hollandsche Rechtsgeleertheyds. Want na
+dat hy van het Roomsche Recht gesproken heeft, gebruyckt hy dese
+woorden: <i>Gelijk ook daer na gebeurt is, dat eenige saken in meerder
+billickheyd zijnde overleyd</i>, als wel Justinianus heeft gedaen, <i>by een
+groot deel der Christenheyd jet nader aengenomen, ende seer oneygentlik
+bekomen hebbende de naem van Geestelijke of Pauselicke Rechten, ook in
+dese landen kracht van Wet heeft bekomen</i>. Waer uyt wy dan besluyten,
+dat het gene hier te voren ex jure Canonico is geallegeert wel ende te
+recht geallegeert is, ende hier te lande in desen ook plaets moet
+grypen, voornamentlik, daer in beyde de gevallen de selve rede
+militeert. Want dat is seker, dat de formaliteyten in het politijc soo
+wel als in het ecclesiastijc moeten werden geobserveert, alsoo die
+genegligeert zijnde, soo wel in 't eene als in 't andere, alle actitata
+komen te vervallen. Ende soo wel als het opsprakelik is, jemand
+onbequaem zijnde, te vorderen tot kerkampten, alsoo wel is het mede
+opsprakelik, jemand tot politike digniteyten te vorderen, die der selver
+onbequaem souw mogen zijn. Soo dat het geene expres gestatueert is in
+approbatione; ex identitate rationis mede moet gerecipieert werden in
+electione. Ende al waer het schoon, dat wy dat fundament in jure
+Canonico niet en hadden, zijn wy daerom gedestitueert van andere ex jure
+civili? Is het niet soo wel eene regel juris civilis quam Canonici: <i>Qui
+vult consequens vult &amp; antecedens?</i> Ende wederom, <i>Concesso aliquo etiam
+ea concessa videntur, sine quibus illud expediri non potest?</i> Het welk
+ook soo verregaet, dat al waer het, dat de uytvoeringe vande commissie
+niet en kon werden ge&euml;xecuteert, sonder 't exerceren van regalien. Want
+dat selve werd dan verstaen mede inde comissie begrepen te zijn, als te
+sien is by Rosenth. de Feudis cap. 5. concl. 14. n. 6. Het welk ook de
+leer is van Cumanus, Zafius, Mozzius en andere. Staetmen sijne Hoogheyd
+de electie toe, soo moetmen hem ook toestaen het gene sonder het welk hy
+de electie niet en kan doen, ofte dat het selve is, niet behoorlik en
+kan doen, dat is informeren op alles dat ontrent het selve subject te
+indageren staet. En wil men daer van eene text ex jure civili, men sal
+die vinden genoegsaem in terminis leggende, in l. 4. C. si contra jus
+vel utilitatem
+<span class="pagenum">
+ <a id=page18
+ name="page18">
+</a>[Pag. 18]
+</span>
+pub.
+daer de Keiser Constantinus rescribeert in deser voegen: <i>Eisi non
+cognitio sed excecutio mandatur, de veritate precum inquiri oportet, ut
+si frans intervenerit, de omni negotio cognoscatur.</i> De saek is dus
+gelegen geweest: op de supplicatie van seker persoon, heeft de Keiser
+last gegeven aen Pompejanus Consulatis Campani&aelig;, die doe onder den
+Keiser dat quartier van Italie regeerde, dat sekere sententie, ten
+voordeele van den suppliant, soude ter executie leggen, sonder jet meer
+daer by te voegen. Pompejanus het werk by de hand nemende, bevind dat
+'et soo glad niet en gaet, maer gelijk het schijnt, datter oppositie
+valt. Derhalven vind Pompejanus sich verlegen, als siende dat sijne
+commissie niet verder en ley, als om te executeren, ende dat aen dit
+werk wat meerder vast was, als eene simpele en blote executie. Ende
+daerom neemt Pompejanus sijn recours tot den Keiser, gelijk sijne
+Stadhouwers, in alle voorvallende swarigheid, gewoon zijn geweest te
+doen: ende sulx soo geeft hy hem te kennen, hoe 't met die saek gelegen
+was. Waer op nu de Keiser antwoord, hoewel hem met expresse woorden niet
+en was aenbevolen, kennisse te nemen ende te oordelen vande saek self,
+maer dat sijne commissie niet verder en sprak, als van de executie, dat
+hy evenwel behoort te inquireren ende ondersoeken op de waerheid van het
+te kennen geven van den Suppliant, ende soo hy bevind datter eenig
+bedrog mede vermengt is, ende dat de Suppliant den Keiser geabuseert
+heeft, dat hy Pompejanus dan sal kennisse nemen vande geheele saek, ende
+die determineren. Dit nu in effect zijnde het gene de Keiser verstaen
+heeft, gaet nu heen, segt dat het inquireren een regael is, datmen 't
+niet mach excerceren sonder expresse commissie, dat sijne Hoogheyd de
+nominatie niet mach voor onwettig verclaren, ende diergelijke moye
+dingen meer. Maer siet eens of al dit getuyt niet en komt te vervallen
+door dese eene Wet van Constantinus alleen. Ende om noch verder te gaen,
+indien sijne Hoogheyd, uyt dese lieve nominatie, electie hadde gedaen,
+ende daer mede deselve nominatie geapprobeert, wat soude men daer af
+hebben moeten oordeelen volgens de dispositie vande Roomsche Wetten? sou
+men niet moeten seggen, dat hij qualick hadde gedaan, ende het gene niet
+en behoorde? Buytentwyffel, ja. En so men daer af begeert eene Wet, ik
+salse mede geven genoegsaem in terminis, zijnde in ordre de twaelfde sub
+titulo Digestorum de appellationibus. Maer tot illucidatie van dien sal
+ik voor af seggen, antequam aliquis Duumvir crearetur, indici debuisse
+<span class="pagenum">
+ <a id=page19
+ name="page19">
+</a>[Pag. 19]
+</span>
+concilium publicum, qu&aelig; indictio in
+eo negotio requisita fuit solemnitas, soo als ons aengewesen werd in l.
+Nominationes. C. de appellat. Nu is het gebeurt, ut omissa illa
+solemnitate, nulloque actu ex lege habito, aliquis popularium vocibus
+Duumvir postularetur. Waer toe de Stadhouwer sijn advoy ende consent
+mede heeft gegeven, soo dat dien het duumvirat overdrongen was, goed
+gevonden heeft te appelleren. Maer wat seyt de Jurisconsultus Ulpianus
+daer van in illa lege duodecima? In 't reguard van den Stadhouder, <i>Eum
+comfontire non debuisse</i>, ende in reguard van den opgeworpen Duumvir,
+<i>in re aperta appellationem esse supervacuam</i>. Want alles was nul en
+krachteloos, soo wel de proceduyren van 't volk, als het advoy en
+consent vande Stadhouwer. En waerom doch nul? Niet om dat'et sou gedaen
+zijn by die gene, die gene nominatie of electie, of recht van cre&euml;ren en
+hadden, meer om dese eene informaliteyt, dat die gerequireerde en
+solemnele convocatie niet en ware voorgegaen. En hier in 't nomineren
+vande Mannen van achten, hoe is 't daer mede toegegaen? komt het wel op
+eene aen? Om andere informaliteyten nu verby te gaen, is die niet
+geschiet ten overstaen van die daer niet en hadden behooren te wesen?
+Hebben niet mede nevens sommige Dekens eenige Overluyden gestemt, die
+het gans niet toe en komt? sijnse niet overstemt, die niet overstemt en
+konnen werden? Soo sijne Hoogheyd hier sijn advoy ende consent mede
+hadde toegebracht, en souw niet yder een met Ulpiano moeten seggen
+hebben, <i>Eum consentire non debuisse</i>? Maer neen sal men seggen, dit en
+heeft hier gene plaets, want het Gerecht hadde hier alrede in versien,
+ende de nominatie gelegitimeert, ende soo en had hy sulk eene censure
+niet te vreesen. Ja dat is soo dat men 't seyt, want die van Dordrecht
+schrijven sulx publijkelik, en willen 't van yder een mede soo gelooft
+hebben. Ende het is waer ik hoor mede seulken tael, maer die klinck my
+inde oren, als of men seggen wilde, even gelijk een Souverain een
+basterd of onwettig geboren legitimeert, ende neven andre wettig
+geboorne doed passeren, het selve Gerecht also mede bevoegt is, eene
+onwettige en informe nominatie wettig te maken, ende nevens andre
+wettige en deugdelijke, als van een alloy ende valeur zijnde, te doen
+deurgaen. Ende in gevolge al isser overstemminge gevallen, daer gene
+overstemminge plaets kan hebben; al is de nominatie geschiet in
+tegenwoordigheid, ten overstaen ende directie vande gene die de
+privilegien en wetten daer van submoveren; al nomineren
+<span class="pagenum">
+ <a id=page20
+ name="page20">
+</a>[Pag. 20]
+</span>
+mede de
+gene die volghens privilegien gene qualiteyt en hebben, om te nomineren;
+al is de nominatie niet vry geschiet, maer door ongehoorde cuperyen en
+dreygementen geforceert, als maer de aessem van het Gerecht daer over
+gaet, soo vallen alle seeren af, alle leemten verdwynen, en men is van
+alle corruptien gesuyvert, ja soo seer als een duyfje dat de pocken
+heeft, daer immer niet op en valt te smalen. Ende daer mede gaet
+soodanige nominatie deur nevens de beste die van alle ouwe tyden souwen
+mogen sijn geschiet. Is dat niet wel gesuyvert ende gelegitimeert? Ik
+heb dat wel geleert, dat voor desen aen den Souverain het recht van
+legitimeren plagh toe te komen, maer niet aen eenigh subaltern gerecht,
+altijdt niemand en souw voor desen sulx hebben derven sustineren, maer
+onwettige actien en valsche positien voor wettige ende ware te
+verklaren, en weet ik niet dat oyt voor desen eenig Souverain heeft
+gedaen, of oock sijne maght misbruykende, in het toekomende sal willen
+doen. Soo dat de majesteyt van dit Gerecht, soo ver de Souverainiteyt
+van andre hooge machten te boven gaet. Dan dit en is soo seer niet te
+verwonderen, dewijl dit Gerecht al noch yet meerder heeft, dat andere
+Recht-bancken noch Hoven van Justitie niet en hebben. Dat namentlik het
+selve eens geoordeelt hebbende, andermael van de selve saeck magh
+oordelen. Het welcke soo niet en plagh te wesen, als wy in onse
+jonckheyt uyt Terentio hebben geleert. Want wy hoorden den daer Phormio
+spotsgewijse aen Demipho dese woorden te gemoet voeren.</p>
+
+<span style="margin-left: 4em;">At tu, qui sapiens es, Magistratus adi,</span><br>
+<span style="margin-left: 4em;">Judicium de eadem causa iterum ut reddant tibi, </span><br>
+<span style="margin-left: 4em;">Quandoquidem solus regnas, et soli licet</span><br>
+<span style="margin-left: 4em;">Hic de eadem causa bis iudicium adipiscier.</span><br>
+
+<p>Of alle de gene die in dat Gerecht sitten, dese les wel geleert sullen
+hebben en weet ick niet, maer dat tonen sy altijdt, dat die voor dees
+tijdt, haer niet te pas en komt. Want, na dat het selve Gerecht, uyt
+hare absolute en Souvereyne maght, de nominatie, met kennis van saken,
+heeft gelegitimeert, en overgesonden, soo verstaet het dat by het selve
+noch souw staen te examineren, offer in de selve nominatie eenige
+abuysen of informaliteyten waren begaen, indien sijne Hoogheydt, of
+yemand
+<span class="pagenum">
+ <a id=page21
+ name="page21">
+</a>[Pag. 21]
+</span>
+anders, wilden sustineren, dat'er eenige begaen waren. Ende die bevonden
+sijnde, soo souw het selve Gerecht, na desselfs gewoonlicke billickheyt,
+deselve corrigeren en beteren. Ende hier uyt resulteert dan noch eene
+derde pre&euml;minentie boven alle Hoven ende Rechtbancken, dat het soo
+doende, sal oordelen in sijne eygen saeck. Want in 't examineren van de
+informaliteyten, sal mede in consideratie konnen komen, of oock de
+oversendinge van de nominatie wel en op behoorlicke tydt is gedaen. Ten
+anderen, of het hooft van de nominatie niet puyr valsch is, als sijnde
+in 't selve gestelt persoonen in wiens presentie die souw sijn geschiet,
+die daer wel present hadden behooren te sijn, maer inder daed daer niet
+en sijn geweest, ende verswygende, dat'er die present sijn geweest, die
+daer gans niet en hoorden. Ten derden, of niet het Gerechte selfs 't
+geen is geweest, dat de over luyden heeft geauthoriseert op de nominatie
+van de Mannen van Achten present te mogen sijn om door haer, in
+pr&aelig;judicie van de Dekens, de maght van de nominatie in haer gewelt te
+krygen. Ten vierden, of eenige uyt den Gerechte selfs haer niet en
+hebben vervorderd, tegens de wetten aen, niet alleen schandelick te
+kuypen, maer ook Dekenen hebben geforceert door dreygementen ende
+beloften. Siet, alle dese moye dingetjes, en meer andre die het in 't
+geheel heeft gedaen, of voor een goed gedeelte aen heeft geparticipeert,
+die sal het Gerecht oordelen en na meriten corrigeren: ende dat, 't
+geene sonderlinge te noteren staet, na soo eene sine en solemnele
+legitimatie. Ende daer het Hof niet magh oordelen van sijne competente
+jurisdictie, als dese Parnas-bende seyt, daer vermagh het Gerecht van
+Dordrecht dit niet alleen, maer oock alle andre moye fraigheden, hier
+voren verhaelt. Sijn dat niet moye bonen, want sy rollen als erten?</p>
+
+<p>Maer dit, en wat er meer souw mogen sijn, souw men wel schoon en suyver,
+als men seyt, gedilueert hebben (immers soo wel geloof ick alsmen 't te
+voren had gelegitimeert) <i>hadden die van Dordrecht sijne Hoogheydt,
+wegens de gepretendeerde informaliteyten, esclaircessement ofte bericht
+mogen geven, als de Commissarisen van het Hof, aen wiens jurisdictie sy
+haer niet garen getrocken sagen, daer niet tegenwoordigh waren geweest.</i>
+Dan het en schort die lieden daer niet. Want sy weten wel dat die
+Commissarissen in die saeck noyt jurisdictie en hebben ge&euml;xerceert, maer
+ook daer en boven publikelick hebben verklaert, daer in gene jurisdictie
+civilik
+<span class="pagenum">
+ <a id=page22
+ name="page22">
+</a>[Pag. 22]
+</span>
+of criminelick te sullen exerceren. Gelijck oock het soo klaer als den
+dagh blyckt, dat sy 't tot noch toe niet en hebben gedaen, noch van
+meningh en sijn te doen. Maer het bericht, dat men geven wilde, dat
+woude men doen in crepusculo, als de Vleer-muysen en de Nacht-uylen
+beginnen te vliegen, &amp; remotis arbitis. Nu, waerom sy dat soo wilden,
+weten sy selve wel, en die van sinnen niet berooft en is, kan het wel
+lichtelick denken. Om dat men dan gedwongen werd het Auter te ontdecken,
+ende te toonen wat properheden daer onder schuylen, soo moet ick seggen,
+dat sijne Hoogheydt aen Burgemeesteren ende Regenten van Dordrecht
+geschreven hebbende, dat sy eenige uyt den Gerechte wilden senden, om op
+de aengebrachte klachten te werden gehoort, dat'er oock op den 28.
+December 1684. des mergens te negen uyren eenige uyt den selve Gerechte,
+met hare Secretarisen, voor hem sijn verschenen, hebbende hy mede by hem
+daer ontboden degene, die als Commissarisen te vooren te Dordrecht waren
+geweest. Ende na dat de selve Gedeputeerde waren gelast neder te sitten,
+soo hebben sy aen hem overgelevert, hare credentialen. Welcke gelesen
+sijnde, ende hy haer willende vragen, volgens sekere opgestelde
+Articulen, soo is by hen Gedeputeerde geseyt, dat sy van den Out-raedt
+of Vroedschap prohibitive last hadden, om te antwoorden in
+tegenwoordigheydt van Commissarisen van den Hove. Waer op in effecte by
+sijne Hoogheydt is geantwoordt, dat dese sake den Gerechte raekte, ende
+geensins den Out-raed, wiens authoriteyt sy hier te vergeefs
+pretexeerden. Dat daer en boven de geallegeerde last, van niet te
+antwoorden, directelick streed tegens hare Credentialen aen, even te
+vooren overgelevert: Ende indien sy eenige andre last hadden, als de
+Credentialen mede brachten, datse die wilden overgeven. Ende voor soo
+veel de Commissarisen aengingh, dat hy die geassumeert hadde om hem in
+die sake te assisteren, ende nergens anders om. Want, dat hy niet goed
+gevonden hadt haer alleen te hooren, alsoo hy haer kende voor sulcke
+luyden, die ontkennen dorsten, het gene hy wist waer te sijn. Waer by is
+gevoeght, door een van de Commissarisen, dat sy gene de alderminste last
+hadden, om eenige jurisdike actie daer te plegen, maer alleen daer
+gekomen te sijn, als by sijne Hoogheydt alrede was geseyt. Doch op gene
+van alle die redenen en heeft men yet weten seggen, noch oock eenige
+nadre last produceren. En evenwel is men by sijne negative blyven
+persisteren, sonder eene stip
+<span class="pagenum">
+ <a id=page23
+ name="page23">
+</a>[Pag. 23]
+</span>
+te avanceren. Soo dat sijne Hoogheyd
+versocht, dat sy eens in een vertrek wilden gaen, ende met den andren
+consulteren, offe niet de geproponeerde difficulteyt konden over
+stappen, ofte ook nader komen. Maer wederom gekomen zijnde, hebben sy
+inde voorschreve negative blyven persisteren, seggende dat sy alles aen
+hare principalen souwen refereren, ende van het nader geresolveerde
+raport doen. Waer mede dan die sessie is geeyndigt. Maer verwacht
+werdende, dat sy na eene dag of twee, het beloofde raport souwen komen
+doen, ende niet verschijnende, heeft sijne Hoogheyd eene twede missive
+laten afgaen, met versoek, dat sy weder voor hem wilden verschijnen op
+den 2 van Januar. 1685. Gelijk sy dan ook gekomen zijn. Maer hier en
+heeft men nu niet de minste mentie gemaekt, 't geen sonderling is te
+noteren, dat men in tegenwoordightyd van Commissarisen (die doe daer soo
+wel verschenen waren, als te voren) niet en kost ofte wilde antwoorden,
+maer wel ter contrarie, dat men souw verklaringe doen. Dan hoe dede men
+dat? Even als een leger, dat sigh voor sijnen vyand te swak bevindende,
+in het aftreken of retireren, noch wel eens vier geeft, niet soekende
+hoe het vechten souw mogen, maer hoe dattet het vechten mach ontkomen,
+alsoo mede was haer antwoorden. Want die en bestonden niet anders als in
+subterfugien ende cavillatien, die de saek niet en raekten: Als, datmen
+distingueerde, tusschen de wettelickheyd ende de forme van de nominatie.
+Daer nochtans de forme niet anders en is, als de overeenkomste van de
+saek met de wet: ende de wet, niet anders als het rechtsnoer van de
+forme. Sulx dat wettigh te zijn, niet anders en is als te hebben de
+form, die de wet prescribeert. Wederom, datmen antwoorden wilde wel
+generalleck, soo sy seyden, maer niet in specie. Het welk sy soo
+uytleyden, datse souwen verklaren, datter op de nominatie niet en waren
+gebracht vreemdelingen, minderjarige, te na den andere in maegschap
+bestaende, (waer over noyt klachten en waren gevallen) sonder haer
+verder te willen uyten, of op articulen te willen antwoorden. Maer is by
+een van hunne Secretarisen, die mede inde commissie waren versocht, dat
+sijne Hoogheyd hen copie van de articulen wilde geven. Het welke hy
+toestond, indien sy wilden antwoorden. Maer alsoo sy in die conditie
+gene behagen en hadden, soo en hebben sy ook die articulen niet bekomen.
+Ende daer mede is ook die tweede sessie ge&euml;yndicht. Waer uyt dan
+klaerlik blijkt, voor eerst, dat sijne
+<span class="pagenum">
+ <a id=page24
+ name="page24">
+</a>[Pag. 24]
+</span>>Hoogheyd seer onheusselik werd
+getraduceert, als of hy geen bericht van die van Dordrecht had willen
+ontfangen. Ten anderen, dat het Hof hier seer sinisterlik werd
+ingetrocken, even of het selve, door presentie van eenige uyt den haren,
+als die van Dordrecht wierden gehoort, sijne jurisdictie wouw vast
+maken, ende extenderen over dien van Dordrecht. Ten derden, dat die van
+den Gerechte van Dordrecht door dese weygeringe ende onwilligheyd sijn
+geworden veri contumaces en wederhorig, soo dat alle de articulen, op
+welcke sy niet en hebben willen antwoorden, te recht by sijne Hoogheyd
+voor soo veel gehouwen sijn als bekent. Ten sulcken effecte, dat hy,
+gesien hebbende de verificatien vande selve articulen, wel heeft
+vermogen de onwettige nominatie te rejecteren, ende weygeren eene
+electie uyt deselve te doen. Want hoewel het de plicht is van sijn
+Hoogheyd, om uyt een meerder getal de electie te doen, soo is hy evenwel
+het selve niet anders gehouwen te doen, als uyt eene legitime, aen wiens
+forme niet en manqueert, dewyl anders doende, de onwettigheyd vande
+nomanatie, ook influeren souw inde electie. Ende derhalven en souwer
+niet alleen rede gegeven werden te klagen over de nominatie, maer over
+nominatie ende electie beyde. Als hiervoren overgenoeg aengewesen is.
+Soo dat nu hier uyt seer klaer blijckt, wat voor fine lieden het moeten
+zijn, die derven klagen, dat men sijne Hoogheyt niet en heeft mogen
+berichten, ende esclaircissement geven. Indien nu alle dese voorschreve
+redenen ende passagien van rechten eens op den Parnas te voorschijn
+werden gebracht, ende men aen de eene zijde sal beginnen te overwegen,
+wat voor eene bres dese Grotiaensche brief daer deur heeft gekregen;
+ende aende andre zijde, watter al tot voordeel van sijne Hoogheyd werd
+by gebracht, soo en geloof ik niet, dat Barnevelt vande selve meninge
+sal blyven, om namentelik af te wachten de komste vanden Primier, ende
+hem gehoort gebbende, nader te delibereren op het intrecken, ofte
+antiqueren van het jus civile, ofte corpus juris. Want ik geloof dat hy
+met al de bende, overluyd roepen sal, wech met dit gespuys dat ons al
+dese brabbelinge maeckt. Ja ik en kan niet anders dencken, of men sal
+den vromen Oldenbarnevelt komen last te geven; <i>Videat ne respublica
+Parnassicolarum quid detrimenti capiat</i>: ende dat men hem expresse mede
+ordineren sal, dat hy de Justitie representerende maecht de schael met
+het swaerd, 't sy deur finesse, 't sy anders, uyt de handen wringe,
+voort eene schop van achteren geve, ende
+<span class="pagenum">
+ <a id=page25
+ name="page25">
+</a>[Pag. 25]
+</span>
+soo
+late loopen. Want heeft men in voorgaende tyden den stok wel derven
+trecken, ende en souw men het nu niet doen, soo waer wel de Pernas vol
+gecken. Neen, men moet mede toonen, datmen is, ende sich soo niet laten
+over de neus hacken. Doch op dat de plaets van de verschovene sloot
+weder mocht werden vervult, wat waer 'er beter, als daer toe te
+consacreren en te wyen; Mevrouwe <i>Eygesucht</i>? Ende, om daer soo niet
+alleen te pronck te laten staen, als die uytgeworpene slobbe tot noch
+toe heeft gedaen, wat waer 'er gevoeglicker, als datter, na dese tyde
+wijse, tot camerier, <i>Archlistigheyd</i> wierde toegevoeght, versen met
+eene mensch, vol van alle soorten van onwaerheden, gestoffeerde ende
+ongestoffeerde, ende tot Staet juffers de verwloose <i>onbeschaemtheyd</i>,
+met hare suster <i>Snatersnel</i>? Doch voor al diende wel besorght, dat dese
+geheyligde Dame wierde ter hand gestelt eene stempel, waer mede wierde
+getekent, alle woorden, reden, en loyen, die op den Parnas gangbaer
+sullen zijn, ende de selve, van wat alloy of forme die oock mochten
+wesen, te legitineren. op de nieuw uytgevondene manier: verklarende alle
+het verdere voor billoen. Ende soo jemand hier souw willen inbrengen
+andre munt, al droegse het Keisers beelt, dat men hem nieten admittere,
+maer weer omsende. Ende wil hy daer tegen inbinden, dat <i>Snatersnel</i>,
+geassisteert met hare suster, niet op en houwe hem alsoo te bejegenen,
+dat men sijne rede soo weynigh sal komen in achtinge nemen, als men kan
+doen het gesangh vande nachtegael, onder het geschreeuw van de esels. So
+dat het voortaen best sal zijn, dat alle die niet van dese hoogvliegende
+Parnas-vogels en zijn, de vinger op de mond leggen. Nam, quis brachia
+contra torrentem?</p>
+
+<hr style="width: 45%;">
+<br>
+<a name="TOE-GIFT."></a><h2>TOE-GIFT.</h2>
+
+<p>Dewyl het den Missive Schrijver belieft heeft ons te verhalen, wat'er op
+den Parnas is geschiet, soo souwen wy insgelyx hem konnen verhalen,
+wat'er in het Rijck van de Maen, dewelcke, na het gevoelen van
+Xenophanes, mede bewoond werd, is voorgevallen. Ook sommige van onse
+luyden sijn daer al droomende na toe gegaen,
+<span class="pagenum">
+ <a id=page26
+ name="page26">
+</a>[Pag. 26]
+</span>
+gaen,
+ende al droomende weerom gekomen sijnde, hebben dingen verhaeldt, die
+noyt en sijn geschiet, noch geschieden en sullen. Ende soo souwen wy hem
+met gelijcke munt konnen betalen, ten ware dat'et beter was eene ware
+Historie te vertellen, als verdichtselen, die min te achten, sijn, als
+de fabulen van &AElig;sopus, of van den Arabischen Lokman. Ick sal dan seggen,
+dat het inder daed is gebeurt, datter inde maend van October des
+voorleden Jaers 1684. Weynigh dagen voor de onwettig verklaerde
+nominatie van de Mannen van Achten, ten huyse van den Burgemeester
+Francken, in de Voorzael is verschenen een goed ende aensienlick getal
+van Dekenen der respective Gildens. Dat aldaer 't selve rijckelick met
+Wijn is beschoncken, van 's achtermiddaghs te vier uyren tot des avonds
+te seven uyren, en later. Soo dat'er by eenige de Schroef al los
+raeckte, en de men het koelvat mede voor eene water-pot gebruyckte. Dit
+geselschap hier soo sijnde, is aengesproocken by den voorschreven Heer
+Burgemeester Francken, dewelcke verklaerde, dat sy daer ontboden waren,
+om haer te recommanderen de ouwe Achten, ten eynde sy inde aenstaende
+nominatie niet verby gegaen wierden. En aengaende de verdere,
+bemerckende dat over de selvige eenige beroeringe onder de Dekens ware,
+versocht hy, dat sy boven de ouwe Achten, soodanige wilde nomineren, die
+na de sin en speculatie van de Regeringe mochten sijn. Want anders
+doende, dat het van een schadelick gevolgh souw sijn. Waer na de
+Burgemeester Muys sijne welspreeckentheydt heeft getoont, ende heeft die
+vrienden aengesproocken met de volgende</p>
+
+<span class="pagenum">
+ <a id=page27
+ name="page27">
+</a>[Pag. 27]
+</span>
+
+<br>
+
+<h3>HARANGUE.</h3>
+<br>
+
+<p><i>Mannen Deeckens</i>,</p>
+
+<p>Alle 't geene de Heer Burgemeester Francken uw daer geleght heeft, is
+waer en waerachtigh, en daerom kan ick my niet onthouden van uw voor al
+voor oogen te leggen de les van Salomon, dewelcke dicteert: dat alle die
+sigh mengen met die gene, die na veranderinge staen, met deselve vergaen
+sullen, dese veranderinge nu die hier by sommige quaedtaerdige, en
+ambitieuse menschen beooght, en ge&euml;ntameert wort, sal seeckerlijck naer
+sigh slepcn een volkomen ru&iuml;ne van de Stadt, en desselfs Finantien. Wy
+hebben veel moeyten gehadt om de vervallen Finantien van de Stadt te
+redresseren, wy hebben een Fons uytgevonden, te vooren onbekent, waer
+door de vervallene saecken weder sijn herstelt, wy hebben de Kaeyen
+gemaeckt; de Havens gediept, de Bruggens verstelt, en alles tot de
+Negotie in dier voegen geapproprieert, dat daer door de welvaert
+soodanigh is aengegroeyt, alsje alle tegenwoordigh siet, ende gewaer
+wordt, en selfs heb ick tot dese saecken uyt mijn eygen beurs aen de
+Stadt geschoten de somme van 12000 ponden, die ick jegens 3&frac12;. per Cent
+laet loopen, met dien Interest te vreden sijnde, om de Stadt, die ick
+lief hebbe te soulageren. Maer Mannen Deeckens, die andere menschen die
+dese veranderinge in 't hooft hebben, en achten geen Stadt, noch geen
+Finantien, ja recht uytgeseyt, sy hebben den Duyvel en den Sacrement van
+de Stadt, en 't sijn Fielten en Schelmen die desselfs goede en
+loffelijcke Regeringe trachten te veranderen, en als 't dese Vagabonden
+daer al toegebracht sullen hebben, wat sal 't dan sijn? de Finantien
+sullen vervallen, de Stadt en desselfs
+<span class="pagenum">
+ <a id=page28
+ name="page28">
+</a>[Pag. 28]
+</span>
+Havens onbruyckbaer worden; de
+Arbeyts-luyden naeckt en leegh loopen. Ick bid u Mannen Deeckens, en
+smeeck uw met gevouwen handen, datje doch na geen veranderingh en
+luystert, noch na geen menschen die 't daer mede houden; En siet doch
+wat menschen men hier al recommandeert aen u Nominatie, een deel
+Vagabonden, een deel Kalissen, hier recommandeert men'er twee, hier
+eenen Sonnemans en daer eenen anderen, daer magh'er hier en daer een
+onder sijn van middelen, maer de meeste sijn kalissen en geen luyden
+dieje dienen; Mannen Deeckens, noch behelpen sich dese menschen met dit
+voorgeven, dat ick de Prins van Oranjen soude bedrogen hebben, het welck
+valsch en Schelmachtigh gelogen is, ick stae wel by de Prins van
+Orangien, en omtrent de Treves, is by Ons niet gedaen als met kennis van
+sijne Hoogheyt; Ick bidje Mannen Deeckens luystert na sulcke leugens
+niet, en ick smeeck uw nochmael, dat gy na geen veranderingh en staet,
+maer het by u Regenten blyft houden; Soo sal de Stadt floreren, en God
+Almagtig salje Personen, en je Familien zegenen, &amp;c.</p>
+
+<p>Nu eens gedroncken, wel Cameraet, uw heb ick wel gekent over 20. Jaer,
+enje Ouwers oock wel, ick brenght uw eens, sa Knecht, brenght een Glas
+van Respect, Vrienden dat moet rondt gaen, a vous de gesontheyt van ...</p>
+
+<p>Die hebben wy de Parnas-broeders, voor een toe-gifte, wel willen
+communiceren, alsoo het noch niet en schijnt in de archiven van hare
+Republijck ingekomen te sijn. Het welcke nochtans wel noodsaeckelick
+dient geweten te sijn, op dat men soo de Historie van dit Dordtsche
+werck met'er tydt compleet mach krijgen. Waer toe ick hoop dat andere
+vrienden, die yetwes hebben, ter materie dienende, mede de hand sullen
+leenen. Interum, lector, vive, vale, &amp; his candidus utere merum.</p>
+
+<p>FINIS.</p>
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+<pre>
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's Aenmerkinge op de Missive van Parnas, by Anonymous
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK AENMERKINGE OP DE MISSIVE ***
+
+***** This file should be named 11884-h.htm or 11884-h.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ https://www.gutenberg.org/1/1/8/8/11884/
+
+Produced by Miranda van de Heijning, Frank van Drogen and PG
+Distributed Proofreaders
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+https://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at https://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at https://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit https://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including including checks, online payments and credit card
+donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+Each eBook is in a subdirectory of the same number as the eBook's
+eBook number, often in several formats including plain vanilla ASCII,
+compressed (zipped), HTML and others.
+
+Corrected EDITIONS of our eBooks replace the old file and take over
+the old filename and etext number. The replaced older file is renamed.
+VERSIONS based on separate sources are treated as new eBooks receiving
+new filenames and etext numbers.
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ https://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
+
+EBooks posted prior to November 2003, with eBook numbers BELOW #10000,
+are filed in directories based on their release date. If you want to
+download any of these eBooks directly, rather than using the regular
+search system you may utilize the following addresses and just
+download by the etext year. For example:
+
+ https://www.gutenberg.org/etext06
+
+ (Or /etext 05, 04, 03, 02, 01, 00, 99,
+ 98, 97, 96, 95, 94, 93, 92, 92, 91 or 90)
+
+EBooks posted since November 2003, with etext numbers OVER #10000, are
+filed in a different way. The year of a release date is no longer part
+of the directory path. The path is based on the etext number (which is
+identical to the filename). The path to the file is made up of single
+digits corresponding to all but the last digit in the filename. For
+example an eBook of filename 10234 would be found at:
+
+ https://www.gutenberg.org/1/0/2/3/10234
+
+or filename 24689 would be found at:
+ https://www.gutenberg.org/2/4/6/8/24689
+
+An alternative method of locating eBooks:
+ https://www.gutenberg.org/GUTINDEX.ALL
+
+
+
+
+</pre>
+
+</body>
+</html>
+
diff --git a/old/11884.txt b/old/11884.txt
new file mode 100644
index 0000000..2c4c887
--- /dev/null
+++ b/old/11884.txt
@@ -0,0 +1,1379 @@
+Project Gutenberg's Aenmerkinge op de Missive van Parnas, by Anonymous
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+
+Title: Aenmerkinge op de Missive van Parnas
+
+Author: Anonymous
+
+Release Date: April 3, 2004 [EBook #11884]
+
+Language: Dutch
+
+Character set encoding: ASCII
+
+*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK AENMERKINGE OP DE MISSIVE ***
+
+
+
+
+Produced by Miranda van de Heijning, Frank van Drogen and PG
+Distributed Proofreaders
+
+
+
+
+
+
+
+AENMERKINGE {Pag. 1}
+
+Op de Missive
+
+VAN
+
+PARNAS,
+
+Van den 22. January 1685.
+
+GETEKENT
+
+HUGO de GROOT.
+
+ {Pag. 2}
+
+ {Pag. 3}
+
+
+
+AENMERKINGE
+
+Op de Missive van
+
+PARNAS
+
+
+Na dat de Griecksche Parnas, door de Turckschen mogentheyd verscheyde
+eeuwen verwoest gelegen hadde, ende daerom nu niet meer en wierde
+gefrequenteert, soo heeft Boccalyn eenen anderen in Italien weten te
+vinden, dan die gansch van ene andere natuer ende operatie was, als wel
+de Griecksche te voren ware geweest. Want de gene die op de eerste
+verkeerden, wierden beschenen met allerley klaerheydt, soo dat de
+duysterheyd van haer verstant quam te verdwynen, en aengedaen wierden
+met veelerley kennisse, soo dat sy verborgene dingen, oock selfs
+toekomende, wisten te openbaren. Maer die op den Boccalynsche Bergh
+quamen te verschijnen, bevind men nergens anders in uyt te steecken, als
+in alle soort van busche scherpsinnigheyt, hebbende tongen der Slangen
+niet ongelijck; ende sy selve van nature als de boose Muyl-Esels, die
+van vooren byten, van achteren schoppen, niemand sparende, als die sy
+niet en konnen bereyken. Op dese inventie hoewel Boccalyn seer praelde,
+soo is het evenwel daer mede soo uytgevallen, dat hy geluckigh souw
+geweest hebben, by aldiense hem niet dierder had komen te staen, als den
+hond, soomen seyt, de worst doet. Waerom dan oock niemand naderhand lust
+gehad heeft, om de naem te verkrygen, van diergelijcke Contrey ontdeckt
+ofte gevonden te hebben. Maer evenwel gelijck de natuer veele
+veranderingen uytwerckt, doende effene Landen tot Bergen oprijsen, ende
+Steden in den Afgrond versincken, soo is het mede gebeurt, dat in
+Hollant ontrent het Ye, de daryachtige gronden soo sijn opgegist, dat se
+dreygen den Boccalynschen Berg te sullen overtreffen. Ende, soo men
+seyt, souw Apolio mede daer alrede aengekomen sijn, ende in die lucht
+behagen genomen hebben, na dat hem de Grieksche Laurieren hebben {Pag 4}
+beginnen te stincken. Dat ook na sijne komst aldaer mede waren
+verschenen _Cicero, Cato, ende alle de gene die sich ooyt met
+Staetssaecken hebben bemoeyt_, als _Hogerbeets, Renyl, Ledenbergh_ ende
+ook _Barnevelt_, maer die gelijk als Sint Denijns, sijn hooft in bey
+sijne armen droegh, welcken Denijs hy ook schimperlijk verweet, dat
+deselve sijn hooft maer twee mylen ver had konnen dragen, daer hij het
+sijne uyt den Haegh tot op den top van den Amstelschen Parnas hadde
+gedragen. Benevens dese is daer mede verschenen den welbekende Keiser
+Iustinianus, dragende nu niet de Kroon van het Grieksche Rijk, maer een
+Amstels jok van bockenhout, dat hem nieuwlix op geleyt sijnde, de
+schouderen hadt deurgeschuert, alsoo 't hem gansch niet paste. Gelijk
+men dan ook seyt, dat daer versch aengekomen was de Burgemeester _van
+den Broek_, die wondre nieuw maren uyt Holland medebraght, waer over
+verscheyde van die Parnasbroeders ook haer sentiment seyden, waerd
+altemael om vanden vermaerden Hugo de Groot beschreven te werden. Daer
+waren voor desen wel aengekomen Socinus, Arminius, Vorstius, Spinosa,
+met haersgelijken, maer dewijl dit hare rol niet en was, soo en sijn sy
+op dit Theater ook niet verschenen, maer sijn van ver blyven staen om
+het spel aen te sien. Waer van principael Acteur was de voorschreve Heer
+Burgemeester van den Broek, refererende _'t gene eenigen tijd soo tot
+Dordrecht, als inde Vergaderinge vande Staten van Holland ende
+West-Vriesland op het subject vande nominatie der goede luyden vanden
+Achten der voorschreve Stadt, ende het herdoen van de selve voorgevallen
+was_. Als mede op _wat wijse de Heeren Commissarissen van den Hove van
+Holland haer in dese saken hebben gedragen_. Het welk sekerlik met
+groote verwonderinge moet aengehoort geweest sijn, principael indien die
+Burgemeester daer by geseyt heeft, gelijk het de waerheyd is, dat hy van
+die tydt of, en misschien eerder, van die swakheyt van lichaem niet
+alleen, maer ook van herssenen is geweest, dat hy de Commissarissen door
+sigh selven niet en heeft konnen antwoorden, maer heeft het laten doen
+door andre, die hy tot dien eynde in sijn huys ontboden hadde. Soo dat
+hey selfs naeulyx wetende watter in sijn eygen huys omme gingh, veel min
+geweten heeft watter op het Raedthuys of in der Staten Vergaderinge
+geschiede. Alsoo hy in die tydt die de bequaemheyt niet en had, om
+buyten sijn huys te konnen gaen of ryden. Soo dat ick presumere, dat hy
+gesuysebolt, of gedroomt sal hebben, als hy dit verhael sal {Pag 5}
+hebben gedaen, ende grovelik dienvolgende gemist. Het welk van dien
+ouwen hals niet vreemd en was, alsoo ik sie dat sulx de andre
+Parnasbroeders ook wel overkomt, ende ik uyt den brief van de Heer de
+Groot lees, dat sy luyden _den Primier van de Heeren Commissarissen,_
+die tot Dordrecht sijn geweest, _daer_ by henluyden, _al eenigen tijd te
+gemoet hebben gesien._ Want hebben sy hem al eenigen tijd te gemoet
+gesien, soo hebben sy ook al eenigen tydt gedroomt ende gedoolt, soo wel
+als den nieuw aengekomen Burgemeester, dewijl by hier nu noch sit, ende
+onseeker is wanneer hy hier van daen vertrekt. Soo datmen niet en hoeft
+te denken dat dese Parnasgasten sijn _tanquam abqui Semides & adoptiva
+quadam numina,_ als die ook hare misslagen hebben. Gelijk het selve noch
+nader daer uyt blijkt, dat sy hem als noch sitten en waghten. Want light
+en komt hy noyt op sulk eenen Parnas, daer sigh luyden onthouden die
+schrijven en dryven, _Spiritum Antichristi magis regnare ad lacum
+Lemannum, quam ad Tybrim._ Alsoo hy soodanige positien exerceert. En
+voorsichtiger souden sy doen dat sy de deuren in tyds toesloten, op dat,
+al quam hy kloppen, niet in gelaten en wierde, ten eynde over soodanige
+poincten, als hier vooren, of diergelijke, gene onrust op den Parnas en
+wierde verwekt. Want hoewel hy flexibel is, soo dat men hem souw om de
+vinger windeen, soo en is hem echter niet nieuw een Kamphaen in de kam
+te byten, schoon dat se al vry wat langh gebeckt sijn. Soo dat my daer
+uyt schijnt, dat die luyden, daer op dien Parnas, de beste positie niet
+en houden, voor hoe groten politicum men den Heer de Groot, die het rad
+daer draeyt, ook wil houwen. Want hoewel hy te houwen is voor een man
+vande uytstekenste geleertheyt, soo en belet dit niet, dat men sonwijlen
+sich vergist. Ende valt somwylen al eens voor, dat het spreekwoord
+bewaerheyt wert. _Magna ingemia, magni errores_. Soo dat oock de
+Monicken hebben weten te seggen: _Clericus edoctus non est semper sale
+coctus_. Tot eene preuve van dien sal ik voor eerst maer seggen, dat als
+een persoon van de eminentste qualiteyt in dese staet hem een gunstig
+oogh had toegeworpen, soo quam hy in den jare 1632 driftig herwaerts
+aengeloopen, verhoopende, dat hy nevens d'andre ouwe Santen, weder op
+het Autaer souw werden geset. Maer alsler ordre quam van de Heeren
+Staten van Ho'land, dat hy uyt den Lande sou hebben te vertrecken, soo
+gingh hy heendruypen, als een hond, die sijne staert verlooren heeft.
+Hier nevens sal ik noch voegen, dat als hy de Babylonische Hoer van hare
+voorname quetsure ende hooftwonde, die de eerste Reformateurs haer {Pag. 6}
+hebben gelastigeert, heeft willen cureren, wat heeft hy daer deur
+anders uytgeright, als datter is geexciteert het _Classicum belli
+Sacri_, ende dat hy geprocureert heeft sijne eyge disgracie in het Hof
+van Sweden, daer hy doen een Minister af was. Soo dat hy daer van daen
+vertreckende, sich begeven heeft na Rostock, daer hy is overleden. Meer
+en sal ik voor deestydt van Hem niet seggen, alsoo dit genoeg is om aen
+te wysen, dat groote luyden ook hare misslagen hebben, en daerom geen
+wonder en is, indien hy het in desen Brief soo heel fix niet en heeft.
+Want niet seer ver van het begin komt de goede Keyser Justinianus, soo
+hy seyt, te voorschijn, _met de tranen in de ogen, klagende, dat sijne
+Wetten soo weynigh voldaen wierden_ by het Hof van Holland. Ende dat
+bestaet hier in, als men in den selven asem seyt, dat het selve sich
+aenmatight _van toesicht te dragen, Ne Provincia abundat malis
+hominibus_. Waer in of Justinianus of Grotius eenighsincs missen, want
+soo en luyden de woorden niet in den originelen text. Hoewelle van den
+sin niet t'eenemael en devieren. Ende nochtans schreyt die goede man
+daer over. Wat magh hem daer toe bewegen? Dit namentelik, dat de
+Hollanders soo dom en bot waren, dat sy _syne Wetten verkeerde
+applicatien ende beduydingen aen wreven_; willende doen het gene sijne
+Praesides in voorgaende tyden hebben gedaen, uyt misduydinge van woorden;
+even of _Praesides Provinciarum met die van President en Raden_ een en
+deselve waren. Maer voor eerst sal ik hier op seggen, dat die het Hof
+determineert binnen de palen van Praesident en Raden, het selve
+verongelijkt, daer van afscheurende het eerste ende principaelste lid,
+namentlik den Stadhouwer, de luyster en voorname eer van dat Collegie.
+Soo dat de Heer de Groot hier sich selfs vergist, als hebbende te voren
+self geschreven, daer hy handelt van de gene die in het Hof sitten;
+_Horum caput est ipse Praefectus Hollandae_. Daer naer sal ik vragen,
+indien de Praeses Provinciae een goed werk doed, _conquirendo nefarios, &
+curando ut malis hominibus careat provincia_, hoe kan dat quaet sijn als
+dat selve by het Hof werd gedaen? Hoe heeft het Hof dien Keiser sijne
+pap soo qualik gebotert, dat'et soo qualik by hem te Hove staet? Immers
+soo ruym als de Praesides Provinciarum de Souvereyniteyt aen den Keyser
+gelaten hebben, soo ruym laet het Hof deselve aen de Heeren Staten van
+Holland. Dan hoewel dit soo is, soo pecceert'et niet alleen daer in dat
+het wil procureren, _ut malis hominibus careat provincia_, maer ook
+voornementlik daer in dat'et _de Steden van Holland onder hare {Pag 7}
+vrede of vooghdye wil nemen_. Dan indien men die woorden soo meent en
+neemt, als die seggen, soo is het eene vuyle calumnie. Want waer heeft
+het Hof, ofte yemand die niet dul en uytsinnigh is, geseyt: _us pupillus
+nihil facere potest sine auctoritate tutoris_, alsoo ook niet de Steden
+van Holland sonder overstaen van het Hof? Maer wil men het eene gesond
+verstand geven, en daer deur verstaen, in sijn recht en gerechtigheyt
+maintineren; ook helpen en succurreren, daer men te kort souw schieten,
+om uyt te voeren het gene betaemt gedaen te sijn; soo kan 't toegestaen
+werden, ende sulx en wil het Hof niet alleen doen, maer is ook gehouwen
+te doen. Want wat isser bekender alsdat het Hof d'eene Stadt tegen de
+andere in sijne gerechtigheydt maintineert? Gelijk sulx in veele ende
+verscheyden exempelen te sien is. Ook Grotius selve, sprekende van het
+Hof, seyt: _Ipsa quoque urbium controversia, abeque magna mementi hic
+disceptantur_. Ende voorts, en is het niet in verscher memorie, dat als
+die van Delft onmachtigh waren om in hare Stadt behoorlicke Justitie te
+administreren, het Hof op haer versoek, haer de behulpsame hand heeft
+geboden, ende door den Fiscael eenen Minne uyt hare Stadt doen halen,
+die by het Hof met den Swaerde is geexecuteert? Ende indien men die of
+diergelijke tutele den Hove wil toeschrijven, dat en sal 't niet
+refugieren toe te staen, hoewel 't noyt selve in sulke termen heeft
+gesproken, noch ook van meninge is te spreken, om gene verdere
+lasteringen op den hals te halen. Gelijk dan ook noyt 't selve geseyt en
+heeft, dat het is Praeses provintiae, versien met eene egale maght, als in
+oude tyden de Praesides inde overwonnen Provintien hadden. Want in
+sommige delen heeft het Hof minder, in sommige weerom meerder. Als daer
+in meerder, dat'et recht doet tusschen en over Steden, selfs sitplaets
+hebbende in de Staten van Holland: daer ter contratie de praesides
+provinciarum sulx niet en hadden, maer gereserveert was tot het oordeel
+van de Keiser. Waer van veele exempelen bij de munimenten van de ouwe
+Schryvers te vinden sijn.
+
+Maer om eens op te halen, waer van daen dese Parnas-bende de occasie
+genomen heeft, het Hof aen te wryven dese calumnie, van sich te
+qualificeren Praesidem provinciae, soo is het inder daed soo, dat Mr.
+Willem Stoop, Schout van Dordrecht, schriftelik dolerende over sijne
+suspensie, by het Hof gedaen, poseerde twee saken, van welke het eene
+was, dat hem by den Hove ware gelast, op de Articulen hem {Pag 8}
+voorgehouwen werdende, soo te antwoorden, als hy met de Ede sou konnen
+verklaren. Het tweede, dat hy niet en wist, wie voor het Hof syne
+beschuldigers of aenklagers ware geweest. Waer op by Commissarisen
+vanden Hove is geantwoord, dat het eerste eene loutere onwaerheyd was,
+ende sodanige eene onwaerheyd, die genoeghsaem sich selven refuteerde.
+Want dat het eene seer bekende sake was, dat niemand wierde gelast onder
+Ede te verklaren, die tot sijnen eygen laste wierde gehoort. Soo dat hy
+een Rechtsgeleerde ende Officier sijnde men niet ken denken sodanigen
+saek te _ignoreren_, ende te vergeefs men dieshalven sou gesoght hebben
+hem met eene Blaes met bonen vervaert te maken. Op het twede is by
+gemelte Commissarisen geantwoord dat het niet nieuw en is, dat jemand
+sonder aanklager ofte beschuldiger wierde gecondemneert. Ende dat daer
+in tot een exempel kon dienen _Claudius Gorgus, quicum esset vir
+Clarissinius, nemine accusante, lenocinii damnatus est a Divo Severo._
+Waar van wy den text hebben in _l. 2. Sec.. 6. de aduls_. Daer is by
+gevoeght, dat tot deselve wijs van Procederen behoort, het gene wy in
+jure hebben geordineert de Praesidibus, _curare nempe eos debere, ut
+malis hominibus provincia careat, eosque conquirant_. Waer van de text
+is in _l. 13. ff. de officio prasidis_. Waer mede over een komt het gene
+dat 'er staet in _l. 4 Sec. 2. ff peculat. Mandatis cavetur, ut Prefides
+Sacrileges, latrones, plagiarios conquirant, & ut quisque deliquerit,
+in eum animadvertant._ Illis enim qui conquirere tenentur, non est
+expectandus accusator. Cesiantes enim in inquirendo mandata Principum
+transgediuntur, & in animadversionem eorum incurrunt. Indien men nu hier
+uyt magh besluyten, dat'et Hof is de Keyser Severus, soo magh men oock
+wel daer uyt besluyten, dat het Hof is Praeses provinciae, ende dat
+Holland als eene geconquesteerde Provincie aen het selve onderworpen is.
+Maer soo het eerste niet geseyt of geconcludeert en kan werden, als by
+geprosesside Sottebollen, alsoo ook niet het twede. Wie heeft oyt dus
+geargumenteert, soo heeft de Keyser geprocedeert, ende soo heeft
+geprocedeert de Praeses, ende soo oock procedeert het Hof, ergo soo is
+het Hof de Keyser, of het Hof is de Praeses. Maer seer wel, soo heeft de
+Keyser geprocedeert, en soo heeft geprocedeert de Praeses, ergo en is het
+niet nieuws dat het Hof mede soo procedeert, mits evenwel blyvende yder
+in de palen van sijne Jurisdictie. Gelijck het Hof in dese saeck van Mr.
+Willem Stoop heeft gedaen, obseiverende daer in hetgene Keyser Carel
+tot tweemalen heeft geordineert eerst in de Instructie van den {Pag 9}
+Hove geemaneert in den jare 1521, ende daer na inden jare 1531. Daer wel
+uytdruckelick staet: _De Stadthouwer Praesident en Raden sullen
+naerstelick monsteren, om te vernemen de abusen ende delicten vande
+Bailluwen, ende andre Officiers, ende deselve gehoort sijnde te
+corrigeren, na exigentie van saken. Alwaer wel uytdruckelick
+gedefinieert is wie dat inquireren en corrigeren sullen, namentelick de
+Stadthouwer Praesident en Raden, sonder de minste mentie van Fiscael,
+Aenklager ofte Beschuldiger. Daer na de last, _sullen inquireren_, ende
+oock; _naerstelick_ sonder dissimulatie. Ten derden, de ordre die
+geobserveert moet werden. Als eerst, _inquireren_; ten tweden, _hooren_,
+ten derden _corrigeren_, sonder de minste mentie te maken van Proces,
+het sy ordinaris of extraordinaris. Het welcke dewyl men siet dat dit
+klemt, soo souw men garen de gantsche Instructie, als een ouwt kleed dat
+afgesleten is t'eenemael verwerpen, alsoo Keyser Carel selve sou seggen,
+_dat by sich niet en kon inbeelden dat dit alles nu langer geobserveert
+wierde, dewyl nu de Souvereyn altijd tegenwoordig is_. Maer hoe sober
+dese solutie is kan licht daer uyt afgenomen werden, dat op den eersten
+rechtdagh van 't jaer de Instructie van den selven Keyser werd
+vernieuwt, ende by de Suppoosten wederom besworen. Gelijck dan de Heer
+de Groot in sijne tijden het selve verscheyde malen heeft gedaen: welcke
+eer de Wetten van Justinianus noyt hier te Lande hebben gehad. Ende of
+niet het voorengemelde Articul in volkomen observantie is geweest binnen
+den tijd van dertigh veertigh en meer jaren, souwen de exempelen van
+veel Schouten en Bailluwen konnen aenwijsen, indien 't niet te langwylig
+en ware. Ik sal verder vragen, als Heer de Groot heeft voorgenomen te
+handelen en aen te wysen, _Qua in bello fuerit, post bellum sit
+Batavorum respublica_, of hy niet wel en had behoren aen te wijsen dat
+dese Instructie was geabollert en in ongebruyck geraakt? Maer
+mentioneert hy daer wel een woord van? Ja en seyt hy niet ter contrarie;
+_Ordines eandum semper non rempublicum modo, sed & reipublica faciem
+retinuerunt_? Waer komt dan dese abolitie van de Instructie ende
+vernietinge van daen, als dat die onder hare cramery in hare mersch niet
+en past? Alia tempora, alii mores: te voren sprack men van ordre,
+reglementen, van eenigheyd, nu roept men allesints met luyder kelen niet
+anders als van liberteyt en vryheydt, soodanigh dat men tusschen die en
+ongebondenheyd geene onderscheyten maekt. Wat my belanght, ick {Pag 10}
+ben in vreedsamige tyden, ende oock in een vry Land gebooren. Ende
+gelijck ick hoop in vreedsamige tyden, alsoo hoop ick oock in een vry
+Land te sullen sterven. Soo ver oock, dat ick van die hope ben, dat noch
+ick, noch mijne kinderen, sal ofte sullen behoeve te sien, dat'er een
+Hollandsch Romen sal opstaen, daer de andre leden onder souwen moeten
+suchten. Sed ut sub specie boni & qui perniciose quandoque erratur, ita
+sub specie libertatis saepe saevissima servitutis iniiciuntur vincula.
+Waer van om andre voorby te gaen, de Monicken ons exempelen genoeg
+geven, die groote liberteyt belovende, jonge of onervarene luyden uyt de
+gehoorsaemheid van ouwers of voogden trecken, ende in een eeuwige
+slavernye van het Klooster leven daer naer verdrucken, daerse van ouwers
+of Magistraet noyt uyt gereddert en konnen werden. Ende siet eens of
+hier niet na en sweemt het doen van de gene die nu tot Dordrecht het
+Oppergesagh hebben. Die quansuys de Borgers willen schijnen vry te
+maeken van het oppergesagh van Stadhouwer Praesident en Raden, maer
+alleen om dat sy alleen souwen mogen na haer believen heerschen, d'andre
+van hoger hand met alle gene hulp en hadden te verwachten. Want al dit
+gewoel, waerom men het Land in roeren stelt, en is niet om de arme en
+onnosele Burgers in meerder vryheyd te stellen, maer op dat de geene,
+die nu het meesterschap menen in handen te hebben, inde Schaepskoy wat
+vryer en ruymer souwen mogen domineren, ende hare schotels met het vet,
+ende hare lendenen met de wol wat rijckelijcker te konnen versien. Ende
+om dat'er sijn die haer selven niet garen tot eene proy souwen
+overgeven, daerom heft men sulck een geschreeu op, daerom heeft het Hof,
+dat haer inde weegh is, de lever gegeten: daerom werpe men sulck een
+gesnater uyt: _Dat'er geen reguard meer genomen en werd, of de Rechter
+en aengeklaeghde malkander te nabestaan, ende de Berichter partye, ende
+partye Berichter was: dat het axiame Extraterritorium, aut sine
+auctoritate jus dicenti impune non paretur: dat, Deliberante principe
+nihil esse innovandum, wierden met de voet getreden._ Maer om de
+waerheyde te seggen, veel geschreeus en weynigh wol. Want hoe kan men
+met eenige waerschijnlickheyd seegen, dat in al het Dortsche werck de
+Aenklager ende Rechter malkanderen te na hebben bestaen, daer het notoir
+is dat geen recht by 't Hof en is gedaen, als alleen inde saek van den
+Schout, en welke nochtans, als te voren is geseyt, gene aenklager en is
+geweest. Wat men nu met het woord _Berichter_ wil verstaen, {Pag. 11}
+is my onbekent, dewijl sulx in de Neerlandsche styl van procederen niet
+en is bekent, gelijck ik mede niet en weet, dat in de Roomsche
+rechtspleginge yet diergelyx bekent is geweest. Maer dat kan ick seggen,
+dat by aldien yemand in het Hof souw hebben gesustineert duplicem
+personam, van welcke d'eene tegens d'andre streed, dat sulx singulierlik
+souw sijn gestraft geweest. Ende sulx die dat seyt sonder nader bewys
+een Calumniateur is. Dat geseyt werd _Extra territorium jus dicenti
+impune non paretur_, hoe kan dit hier plaets hebben, daer het Hof in
+dese saek van Stoop recht gedaen heeft hier in den Haegh, inde ordinaris
+residentie plaets, van over eenige honderd jaren daer voor bekent.
+Immers soo inept is het dat men seyt _sine auctoritate jus dicenti_.
+Want wien is eene Officier ratione officii anders onderworpen, als den
+Hove van Holland, wat men nu ten laetsten daer by voeght, _Deliberante
+principe nihil esse innovandum_, dat komt hier in 't minste niet te pas,
+dewyl 't van het eerste begin dat die van Dordrecht dese saek voor de
+Heeren Staten hebben gebraght, gedecideert is. Want syluyden
+versoeckende, dat het Hof geordineert sou werden stil te staen, soo en
+is 't selve versoeck niet ingewillight. Ende naderhand, het selve
+versoeck geitereert sijnde, is bij de voorgaende Resolutie
+gepersisteert. Ende vervolgens is verstaen, si non expresse, saltem
+tacite, dat het Hof souw mogen voortgaen. Het welke die van Dordrecht
+daer na, maer te laet merkende, dat het hen obsteerde hebben versocht,
+dat die notulen uyt de Resolutien van de gemelde Heeren Staten souwen
+mogen werden gelight. Het welk hen, te laet opsijnde, geweygert is. Soo
+dat daer uyt blijkt, dat hoewel op de saek ten principalen nader
+deliberatien souwen mogen komen te vallen, dat evenwel die by de Heeren
+Staten is gedetermineert, voor soo veel als de surchance ofte voortgangh
+der proceduyren van 't Hof aengaet. Daerom, soulageert vry de Dordsche
+vriendetjes, et dot _Deliberante_, het sal haer immers soo wel helpen,
+als een papje na de dood.
+
+Dese gedreyghde surchance dan uyt de weegh sijnde, isser te recht verder
+voortgegaen met informeren, tot dat van de klachten consterende, de
+eerste nominatie is gerejecteert, tot groot milcontentement van dese
+Parnas bende, dewelcke sustineert, dat sijne Hoogheydt het recht niet en
+heeft om in die saek te informeren, veel min om die nomenatie te niet te
+doen, voornamentlick voor en al eer men partyen daer op hadde gehoort.
+Soo dat men nu in alle Vierscharen wel moght uitwissen, de seer {Pag 12}
+bekende spreuke, _Aude & alteram partem_. Het welke, hoewel het in haer
+selven sijn poincten van gene seer diepe speculatie, soo maektmen
+nochtans daer seer groot bohey van, soo dat die niet verby gegaen en
+konnen werden. Om dan daer af yet te seggen, soo sal ik praemitteren,
+sijne Hoogheyd van den ophef van dese saek niet van meninge te sijn
+geweest, eenige proceduyren aen te vangen, ende dat hy sulx ook aen de
+Commissarisen heeft verklaert, als hy hen de Articulen, in welke de
+beswaernissen begrepen stonden, terhanden stelde. Het welke ook
+Commissarisen ter Vergaderinge hebben bekent gemaekt, wel expresselik
+daer by voegende, dat de meninge niet en was van sijne Hoogheydt of van
+den Hove, om civilic ofte criminelik te ageren, maer datmen alleen
+verseerde in een naekt ondersoek van waerheydt, op dat sijne Hoogheyt de
+klaghten, by eenige Burgers van Dordrecht gedaen, niet lightvaerdigh
+souw verwerpen, of ook de nominatie door sijne electie sou komen te
+approberen, indiense misschien informeel moghte sijn. Soo dat hier de
+questie is, of soo een bloot ondersoek van waerheydt daer gene
+rechtspleginge op en staet te volgen, sijne Hoogheydt heeft mogen doen
+of niet. Eer ik hier yet op segge, soo sal ik praemitteren, dat gelijk de
+nominatie de Dekenen toekomt, van de Mannen van achten, dat alsoo mede
+aen sijne Hoogheydt de electie toekomt. Dat is gelijk de Dekenen sijn
+gehouwen eene rechte ende deughdelijke nominatie te doen, dat alsoo mede
+sijne Hoogheydt eene rechte ende deugdelijke electie. Nam paria sunt,
+aliquid non facere, & non facere debite & legitimo modo. Sal nu sijne
+Hoogheydt debito & legitimo modo sijne electie doen, soo moet hy ook
+toesien niet alleen, dat hy in sijne electie niet en exorbiteert, maer
+ook, dat hy die niet en doed uyt eene nominatie, die informeel ende
+onwettigh is; alsoo uyt eene informele nominatie gene wettige electie en
+kan gedaen werden: Immers al soo weynigh als eene electie kan gedaen
+werden sonder nominatie: dewijl het geen informeel is, niet meer geacht
+werd, als of het gansch niet en ware. Ende daerom soo sal ik seggen, dat
+sijne Hoogheydt seer wel heeft vermogen, ja gehouwen is geweest, op de
+waerheyt van de klaghten hem overgelevert, te informeren, het sy selve
+ofte ook door andre, Nam quae per alios facimus, ipsi facere videmur.
+Quia nobis impellentibus fiunt. Nu is het soodanigh, gelijk Cicero seyt
+Officiorum primo, _inprimis homini propriam esse veri inquisicionem
+atque investigationem_; ende, _Falli, errare, labi, decipitam dedicere,
+quam delirare & mente captum esse_, is het, segh ik, soodanig, {Pag.13}
+waer past het beter de waerheyt te ondersoeken, als daer men verseert in
+saken van Staet, en daermen verseert in 't bestellen van de
+Magistrature, aen welke het welvaren hanght van Landen ende Steden? Ende
+is het soo schandelick te missen, vallen, bedrogen te werden, wien
+voeght sulx minder, als personagien van soo eminente qualiteyt, als is
+sijne Hoogheydt? Indien men hem wil constringeren om sonder
+onderscheydt, uyt alle nominatien, hoedanigh die ook souwen mogen sijn,
+electie te doen, soo sal men hem bedwingen in sulk een perk, uyt het
+welk hij sich niet en sal konnen redden, sonder mis te tasten, ende
+sonder den Lande grote ondienst toe te brengen. Het welk van de grootste
+iniquiteyt niet te excuseren en is. Alle menschen, soo ver sy met
+vernuft begaeft sijn, en sullen niet yetwes van eenige importantie
+sijnde, by de hand nemen, of sy sullen niet alleen inquireren,
+ondersoeken en overleggen hoe het in haren boesem gelegen is, wegens het
+gene sy voor hebben, maer examineren ook het gene buyten haer is,
+namentlik offer gene obstaculen sijn, die haer souwen konnen
+verhinderen. Gelijk yemand, die eene reys buyten s'Lands meent aen te
+nemen, overleyt niet alleen, of dat nut voor hem sal sijn, maer ook, of
+hy wel Schuyt en Wagen, tot sijne dienst sal konnen krijgen; of de wegen
+door vyanden of stroopers niet beseten sijn, met noch vyfentwintigh
+andre dingen meer. Maer soo syne Hoogheydt yet diergelyx doed, en dat in
+eene sake van het groote gewichte, handen vande bank, dat sijn regalien,
+dat en komt hem niet toe, of moest bewesen werden, dat het hem
+specialick vergunt was. Maer my belangende, soo wil ik wel eens
+gevraeght hebben, waer het ondersoeken, informeren, of horen van
+getuygen, een speciael regael werd genoemt, 't sy by de ouwe Schryvers,
+die de consuetudines feudorum by een gevoeght hebben, of die haer
+naderhand op dat spoor sijn gevolght. Ende geen speciael regael sijnde,
+soo en kan het niet wel speciael gegeven geweest sijn. Ja ick sal meer
+seggen, dat het gene yder een toekomt jure naturali & omnibus communi,
+gelijk als dit doed, geen regael en is, ende ook niet sijn en kan, of de
+natuer self moest omgekeert werden. Ende by exempel, de verklaringen,
+die genomen werden, ad perpetuam rei memoriam, gelijkenen die wel
+regalien! Als, neemt dat ik aen een stuck leengoeds yet te kost geleyt
+hebbe, het welk ik sou konnen repeteren, indien 't quame te {Pag.14}
+vervallen, ende op dat daer van t'alled tijden souw mogen blijken, ik
+voor Notaris en Getuygen, of voor eenigen Rechter, doe verklaringe
+beleggen, usurpere ik daer mede regalien? Wie heeft oyt sulx gehoort? Wy
+weten, dat jurisdictie te plegen, dat sijne Hoogheydt binnen Dordrecht
+niet en heeft gepretendeert, een regael is, maer in het minste niet het
+simple ende eenvoudige hooren van getuygen. Daerom, als, ten tijde van
+Jan de eerste, sekere Baillu van Zuyt-Hollant begeerde met Schepenen van
+Dordrecht _te ondersoeken op sommige saken ende misdaden_ (welk men doen
+plagh te noemen, stille waerheydt besitten) _die tot Dordrecht waren
+geschiet_, soo hebben deselve Schepenen sonder eenige discepatie,
+_toegestaen voor die reyse met hem te sitten, niet om te oordelen en
+rechten, maer om te ondersoeken_. Als wel wetende, dat het selfe
+_ondersoeken_ henluyden in hare jurisdictie gene prejudicie en gaf:
+_quia judicium a citatione_ ut pragmatici loquuntur, _initium sumit_. Of
+soo Justinianus spreekt Sec. finali. De paena temere litiguntum: _Omnium
+actionum instituendarum principium ab ea parte Edicti proficiscitur, qua
+Prator edicit, de la jus vecando_. Maer als de Graef selve over hare
+Borgers recht spreken ende oordelen wilde, soo hebben Schepenen, die te
+voren soo facyl tegen den Baillu waren geweest, sich selven wel
+ernstelick daer tegen gekant: Seggende:
+
+
+ _Onse Handvest segget wel
+ Dat wy ende niemand el
+ Recht ende vonnes seggen mogen,
+ Over onse Poorters van lagen van hogen.
+ Deese vryheyd gaf u oude Vader
+ Coninc Willem, die wy allegader
+ Hebben bezegelt en beschreven,
+ Dus ons van uwen ouwers bleven._
+
+Het welke veele onlusten gebaert en haer in veele swarigheden heeft
+geinvolveert, die sy standvastigh hebben uytgestaen, daerse niet
+difficyl aen den Baillu, als hy niet verder en pretendeerde als het
+_ondersoecken_ ende horen van getuygen, haer hebben getoont. Ik weet
+wel, datmen ook kan informeren om een begin van een Proces te maken, het
+geen hier niet alleen niet en is geschiet, maer waer tegen men altydt
+heeft geprotesteert. Ende sulcx doet men ongelijck aen sijne {Pag.15}
+Hoogheydt; datmen hem uytmaeckt voor eene Usurpueur van eens anders
+Jurisdictie. Waerom en siet men hier niet in, als men in andere saken
+gewoon is te doen, faciendi causam? Volgens den wel bekenden regel,
+_Nonfactum, sed facienda causa inspicienda est._ Want soo leert ons
+Ulpianus in l. 39. ff. de furtis: _Verum est, si meretricem, alunam
+ancillam, rapuit quis, velcelavit, furtum non esse. Nec enim factum
+quantur se causa faciendi. Causa autem facienda libide furt, non
+furtum._ En soo en heeft het informeren van sijn Hoogheydt gene andre
+oorsaeck gehad, als de begeerte van de waerheydt, ende niet usurpatie
+van jurisdictie. Gelijck oock het vervolg heeft getoont. Nu voortgaende
+sal ick seggen, hoewel dese dingen genoegh sijn om volkomentlick het
+recht van sijne Hoogheyt te adstrueren, soo sullen even wel wy eens
+aenschouw nemen, wat de beschreven wetten disponeren, 't gene tot
+beweringe vande selve saek souw mogen dienen. Ende daer vinden wy dan in
+jure Canonico, dat de gene die het confirmeren van een gekoren Prelaet
+toe komt, oock toekomt het ondersoeck vande keur of electie, en ook
+vande bequaemheyt van den gekoren persoon. Ende anders geschiedende, soo
+heeft plaets dat'er gestatueert is in _Cap. Nihil est 44. extr. De
+election. Non solum deiseiendus est indigne promotus, verum & indigne
+promovens punlendus._ Op welcken text Pinormitanus aenteyckent: _Debet
+confirmator inquirere de electionis forma & meritis electi: & hodie
+facta confirmatione sine causa cognitione, est ipso sure nulla._ Nu soo
+sich heeft de confirmatie tot de electie, soo heeft sich ook de electie
+tot de nominatie. Sulx dat men van het eene tot het andre valide magh
+argumenteren, ende seggen, het gene plaets heeft in het eene, oock
+plaets moet hebben in het andre. Ende gelijck die de confirmatie heeft
+oock moet inquireren op de voorgaende electie, oock soo moet inquireren,
+die de electie heeft, op de voorgaende nominatie. Dewyl daer deselve
+reden is, oock het selve recht moet plaets hebben. Maer hier tegen
+schrijft, soo men seyt, de Heere de Groot, dat Justinianus verklaerde,
+_dat dat maer alleen inde Kerckelicke bedieninge, onder den Paeus,
+plaets hadde, ende het selve aen sijne Wetten geene prejuditie te
+geven._ Dan ick geloof dat het dien goeden Heer inde memorie sal sijn
+geslagen, nu niet meer geheugende het gene hy te voren geweten heeft,
+dat geschiet inde Classicale Vergaderingen, na het beroep. Namentlick,
+dat daer mede werd geexamineert de beroepinge ende beroepenes qualiteyt
+beyde. Ende nu niet meer geheugende het gene hy te vooren van {Pag.16}
+het Geestelijcke of Canonyke recht selfs heeft geschreven. Als mede dat
+hy aen Justinianus het meeste gelijck niet en doed, niet eens gedenkende
+dat Justinianus selfs is de gene, die het fundament van het Canonyke
+recht heeft gelegt. Want dit recht is originelick gesproten uyt de
+besluyten, regulen ofte canones inde Synodale Vergaderingen beraemt ende
+vast gestelt. Welcke, alsoose te vooren in sich selven ingesien, van
+politique macht ende auctoriteyt waren gedestitueert, soo heeft
+Justinianus die, d'allerste, daer by gedaen gevende haer de auctoriteyt,
+die sijne andre wetten hadden, als men sien kan in sijn Novella 131. Het
+welck dan is geweest het begin van het jus Canonicum. Waer op gevolgt
+is, dat inde verdere tyden de Keisers selve, ofte uyt haren naem hare
+Volmagtigde inde Concilien ofte Synoden hebben de gepresideert, der
+selver Decreten ook, alsde voorgaende, kracht ende autoriteyt bekomen
+hebben, hoewel datse van de gene niet in schrift geredigeert en zijn,
+die macht hadden om Wetten te maken, moetende de Keisers als aucteurs,
+ende de Schrijvers als ministers geconsideruert worden. Waer naer daer
+by gevoeght zijn de Decreten van de Pausen, die op sekere voorvallen
+zijn of wierden geconsulteert, tot welcke Gregorius de IX. verscheyden
+dingen, genomen ex jure civili, heeft bijgevoeght, self van sodanige,
+daer hy niet van geconsulteert en wierde. Waer naer van d'een en
+d'andere noch jet is aengelapt. Ende dit dan soo zijnde, wilde ick wel
+eens gevraght hebben, of Justinianus sichs selvens niet soude vergeten
+hebben, als hy alle auctoriteyt aen het jus Canonicum souw schijnen te
+derogeren? Ende het niet eer te geloven is, dat hy Justinianus hier in
+niet wel en heeft verstaen? Wat nu de Heer de Groot selve aengaet, die
+hier toont sich selven niet meer te kennen, ofte ten minsten te geheugen
+wat hy voor desen van dit recht heeft gehouwen, soo sullen wy hem in
+fijne swackheyd te gemoed komen, en helpen herdencken, wat hy voor desen
+van dit Canonyke recht heeft geoordeelt. Hij verhaelt dan in het derde
+Boeck De jure belli cap. 12. met veel lof, dan met inde Neerlandsche
+oorlogen, de limit of frontierlanden, betalende sekere contributie, aen
+wederzyden heeft gecultiveert. Ende hy voeght daer by, _Hos mores
+humanitatis magistri Canones Christianis omnibus, ut majorem ceteris
+humanitatem debentibus ac profitentibus imitandes proponuns._ Ende om te
+bewysen dat sulcx descendeert ex jure Cononico, soo allegeert hy daer
+toe cap. 2. extr. de treuga & pace. Het welck een decreet is {Pag.17}
+gestatueert in Concilio Luateranensi, ten tijden van Alexander de derde.
+Soo dat klaer blijckt, dat hy daer het jus Canonicum ver stelt boven het
+jus Civile of Justinianeum. Gelijck hy het selve mede doed in het twee
+deel van het eerste Boeck sijns Hollandsche Rechtsgeleertheyds. Want na
+dat hy van het Roomsche Recht gesproken heeft, gebruyckt hy dese
+woorden: _Gelijk ook daer na gebeurt is, dat eenige saken in meerder
+billickheyd zijnde overleyd_, als wel Justinianus heeft gedaen, _by een
+groot deel der Christenheyd jet nader aengenomen, ende seer oneygentlik
+bekomen hebbende de naem van Geestelijke of Pauselicke Rechten, ook in
+dese landen kracht van Wet heeft bekomen_. Waer uyt wy dan besluyten,
+dat het gene hier te voren ex jure Canonico is geallegeert wel ende te
+recht geallegeert is, ende hier te lande in desen ook plaets moet
+grypen, voornamentlik, daer in beyde de gevallen de selve rede
+militeert. Want dat is seker, dat de formaliteyten in het politijc soo
+wel als in het ecclesiastijc moeten werden geobserveert, alsoo die
+genegligeert zijnde, soo wel in 't eene als in 't andere, alle actitata
+komen te vervallen. Ende soo wel als het opsprakelik is, jemand
+onbequaem zijnde, te vorderen tot kerkampten, alsoo wel is het mede
+opsprakelik, jemand tot politike digniteyten te vorderen, die der selver
+onbequaem souw mogen zijn. Soo dat het geene expres gestatueert is in
+approbatione; ex identitate rationis mede moet gerecipieert werden in
+electione. Ende al waer het schoon, dat wy dat fundament in jure
+Canonico niet en hadden, zijn wy daerom gedestitueert van andere ex jure
+civili? Is het niet soo wel eene regel juris civilis quam Canonici: _Qui
+vult consequens vult & antecedens?_ Ende wederom, _Concesso aliquo etiam
+ea concessa videntur, sine quibus illud expediri non potest?_ Het welk
+ook soo verregaet, dat al waer het, dat de uytvoeringe vande commissie
+niet en kon werden geexecuteert, sonder 't exerceren van regalien. Want
+dat selve werd dan verstaen mede inde comissie begrepen te zijn, als te
+sien is by Rosenth. de Feudis cap. 5. concl. 14. n. 6. Het welk ook de
+leer is van Cumanus, Zafius, Mozzius en andere. Staetmen sijne Hoogheyd
+de electie toe, soo moetmen hem ook toestaen het gene sonder het welk hy
+de electie niet en kan doen, ofte dat het selve is, niet behoorlik en
+kan doen, dat is informeren op alles dat ontrent het selve subject te
+indageren staet. En wil men daer van eene text ex jure civili, men sal
+die vinden genoegsaem in terminis leggende, in l. 4. C. si contra jus
+vel utilitatem pub. daer de Keiser Constantinus rescribeert in {Pag.18}
+deser voegen: _Eisi non cognitio sed excecutio mandatur, de veritate
+precum inquiri oportet, ut si frans intervenerit, de omni negotio
+cognoscatur._ De saek is dus gelegen geweest: op de supplicatie van
+seker persoon, heeft de Keiser last gegeven aen Pompejanus Consulatis
+Campaniae, die doe onder den Keiser dat quartier van Italie regeerde, dat
+sekere sententie, ten voordeele van den suppliant, soude ter executie
+leggen, sonder jet meer daer by te voegen. Pompejanus het werk by de
+hand nemende, bevind dat 'et soo glad niet en gaet, maer gelijk het
+schijnt, datter oppositie valt. Derhalven vind Pompejanus sich verlegen,
+als siende dat sijne commissie niet verder en ley, als om te executeren,
+ende dat aen dit werk wat meerder vast was, als eene simpele en blote
+executie. Ende daerom neemt Pompejanus sijn recours tot den Keiser,
+gelijk sijne Stadhouwers, in alle voorvallende swarigheid, gewoon zijn
+geweest te doen: ende sulx soo geeft hy hem te kennen, hoe 't met die
+saek gelegen was. Waer op nu de Keiser antwoord, hoewel hem met expresse
+woorden niet en was aenbevolen, kennisse te nemen ende te oordelen vande
+saek self, maer dat sijne commissie niet verder en sprak, als van de
+executie, dat hy evenwel behoort te inquireren ende ondersoeken op de
+waerheid van het te kennen geven van den Suppliant, ende soo hy bevind
+datter eenig bedrog mede vermengt is, ende dat de Suppliant den Keiser
+geabuseert heeft, dat hy Pompejanus dan sal kennisse nemen vande geheele
+saek, ende die determineren. Dit nu in effect zijnde het gene de Keiser
+verstaen heeft, gaet nu heen, segt dat het inquireren een regael is,
+datmen 't niet mach excerceren sonder expresse commissie, dat sijne
+Hoogheyd de nominatie niet mach voor onwettig verclaren, ende
+diergelijke moye dingen meer. Maer siet eens of al dit getuyt niet en
+komt te vervallen door dese eene Wet van Constantinus alleen. Ende om
+noch verder te gaen, indien sijne Hoogheyd, uyt dese lieve nominatie,
+electie hadde gedaen, ende daer mede deselve nominatie geapprobeert, wat
+soude men daer af hebben moeten oordeelen volgens de dispositie vande
+Roomsche Wetten? sou men niet moeten seggen, dat hij qualick hadde
+gedaan, ende het gene niet en behoorde? Buytentwyffel, ja. En so men
+daer af begeert eene Wet, ik salse mede geven genoegsaem in terminis,
+zijnde in ordre de twaelfde sub titulo Digestorum de appellationibus.
+Maer tot illucidatie van dien sal ik voor af seggen, antequam aliquis
+Duumvir crearetur, indici debuisse concilium publicum, quae indictio in
+eo negotio requisita fuit solemnitas, soo als ons aengewesen {Pag.19}
+werd in l. Nominationes. C. de appellat. Nu is het gebeurt, ut omissa
+illa solemnitate, nulloque actu ex lege habito, aliquis popularium
+vocibus Duumvir postularetur. Waer toe de Stadhouwer sijn advoy ende
+consent mede heeft gegeven, soo dat dien het duumvirat overdrongen was,
+goed gevonden heeft te appelleren. Maer wat seyt de Jurisconsultus
+Ulpianus daer van in illa lege duodecima? In 't reguard van den
+Stadhouder, _Eum comfontire non debuisse_, ende in reguard van den
+opgeworpen Duumvir, _in re aperta appellationem esse supervacuam_. Want
+alles was nul en krachteloos, soo wel de proceduyren van 't volk, als
+het advoy en consent vande Stadhouwer. En waerom doch nul? Niet om
+dat'et sou gedaen zijn by die gene, die gene nominatie of electie, of
+recht van creeren en hadden, meer om dese eene informaliteyt, dat die
+gerequireerde en solemnele convocatie niet en ware voorgegaen. En hier
+in 't nomineren vande Mannen van achten, hoe is 't daer mede toegegaen?
+komt het wel op eene aen? Om andere informaliteyten nu verby te gaen, is
+die niet geschiet ten overstaen van die daer niet en hadden behooren te
+wesen? Hebben niet mede nevens sommige Dekens eenige Overluyden gestemt,
+die het gans niet toe en komt? sijnse niet overstemt, die niet overstemt
+en konnen werden? Soo sijne Hoogheyd hier sijn advoy ende consent mede
+hadde toegebracht, en souw niet yder een met Ulpiano moeten seggen
+hebben, _Eum consentire non debuisse_? Maer neen sal men seggen, dit en
+heeft hier gene plaets, want het Gerecht hadde hier alrede in versien,
+ende de nominatie gelegitimeert, ende soo en had hy sulk eene censure
+niet te vreesen. Ja dat is soo dat men 't seyt, want die van Dordrecht
+schrijven sulx publijkelik, en willen 't van yder een mede soo gelooft
+hebben. Ende het is waer ik hoor mede seulken tael, maer die klinck my
+inde oren, als of men seggen wilde, even gelijk een Souverain een
+basterd of onwettig geboren legitimeert, ende neven andre wettig
+geboorne doed passeren, het selve Gerecht also mede bevoegt is, eene
+onwettige en informe nominatie wettig te maken, ende nevens andre
+wettige en deugdelijke, als van een alloy ende valeur zijnde, te doen
+deurgaen. Ende in gevolge al isser overstemminge gevallen, daer gene
+overstemminge plaets kan hebben; al is de nominatie geschiet in
+tegenwoordigheid, ten overstaen ende directie vande gene die de
+privilegien en wetten daer van submoveren; al nomineren mede de
+gene die volghens privilegien gene qualiteyt en hebben, om te {Pag.20}
+nomineren; al is de nominatie niet vry geschiet, maer door ongehoorde
+cuperyen en dreygementen geforceert, als maer de aessem van het Gerecht
+daer over gaet, soo vallen alle seeren af, alle leemten verdwynen, en
+men is van alle corruptien gesuyvert, ja soo seer als een duyfje dat de
+pocken heeft, daer immer niet op en valt te smalen. Ende daer mede gaet
+soodanige nominatie deur nevens de beste die van alle ouwe tyden souwen
+mogen sijn geschiet. Is dat niet wel gesuyvert ende gelegitimeert? Ik
+heb dat wel geleert, dat voor desen aen den Souverain het recht van
+legitimeren plagh toe te komen, maer niet aen eenigh subaltern gerecht,
+altijdt niemand en souw voor desen sulx hebben derven sustineren, maer
+onwettige actien en valsche positien voor wettige ende ware te
+verklaren, en weet ik niet dat oyt voor desen eenig Souverain heeft
+gedaen, of oock sijne maght misbruykende, in het toekomende sal willen
+doen. Soo dat de majesteyt van dit Gerecht, soo ver de Souverainiteyt
+van andre hooge machten te boven gaet. Dan dit en is soo seer niet te
+verwonderen, dewijl dit Gerecht al noch yet meerder heeft, dat andere
+Recht-bancken noch Hoven van Justitie niet en hebben. Dat namentlik het
+selve eens geoordeelt hebbende, andermael van de selve saeck magh
+oordelen. Het welcke soo niet en plagh te wesen, als wy in onse
+jonckheyt uyt Terentio hebben geleert. Want wy hoorden den daer Phormio
+spotsgewijse aen Demipho dese woorden te gemoet voeren.
+
+
+ At tu, qui sapiens es, Magistratus adi,
+ Judicium de eadem causa iterum ut reddant tibi,
+ Quandoquidem solus regnas, et soli licet
+ Hic de eadem causa bis iudicium adipiscier.
+
+
+Of alle de gene die in dat Gerecht sitten, dese les wel geleert sullen
+hebben en weet ick niet, maer dat tonen sy altijdt, dat die voor dees
+tijdt, haer niet te pas en komt. Want, na dat het selve Gerecht, uyt
+hare absolute en Souvereyne maght, de nominatie, met kennis van saken,
+heeft gelegitimeert, en overgesonden, soo verstaet het dat by het selve
+noch souw staen te examineren, offer in de selve nominatie eenige
+abuysen of informaliteyten waren begaen, indien sijne Hoogheydt, of
+yemand anders, wilden sustineren, dat'er eenige begaen waren. Ende die
+bevonden sijnde, soo souw het selve Gerecht, na desselfs {Pag.21}
+gewoonlicke billickheyt, deselve corrigeren en beteren. Ende hier uyt
+resulteert dan noch eene derde preeminentie boven alle Hoven ende
+Rechtbancken, dat het soo doende, sal oordelen in sijne eygen saeck.
+Want in 't examineren van de informaliteyten, sal mede in consideratie
+konnen komen, of oock de oversendinge van de nominatie wel en op
+behoorlicke tydt is gedaen. Ten anderen, of het hooft van de nominatie
+niet puyr valsch is, als sijnde in 't selve gestelt persoonen in wiens
+presentie die souw sijn geschiet, die daer wel present hadden behooren
+te sijn, maer inder daed daer niet en sijn geweest, ende verswygende,
+dat'er die present sijn geweest, die daer gans niet en hoorden. Ten
+derden, of niet het Gerechte selfs 't geen is geweest, dat de over
+luyden heeft geauthoriseert op de nominatie van de Mannen van Achten
+present te mogen sijn om door haer, in praejudicie van de Dekens, de
+maght van de nominatie in haer gewelt te krygen. Ten vierden, of eenige
+uyt den Gerechte selfs haer niet en hebben vervorderd, tegens de wetten
+aen, niet alleen schandelick te kuypen, maer ook Dekenen hebben
+geforceert door dreygementen ende beloften. Siet, alle dese moye
+dingetjes, en meer andre die het in 't geheel heeft gedaen, of voor een
+goed gedeelte aen heeft geparticipeert, die sal het Gerecht oordelen en
+na meriten corrigeren: ende dat, 't geene sonderlinge te noteren staet,
+na soo eene sine en solemnele legitimatie. Ende daer het Hof niet magh
+oordelen van sijne competente jurisdictie, als dese Parnas-bende seyt,
+daer vermagh het Gerecht van Dordrecht dit niet alleen, maer oock alle
+andre moye fraigheden, hier voren verhaelt. Sijn dat niet moye bonen,
+want sy rollen als erten?
+
+Maer dit, en wat er meer souw mogen sijn, souw men wel schoon en suyver,
+als men seyt, gedilueert hebben (immers soo wel geloof ick alsmen 't te
+voren had gelegitimeert) _hadden die van Dordrecht sijne Hoogheydt,
+wegens de gepretendeerde informaliteyten, esclaircessement ofte bericht
+mogen geven, als de Commissarisen van het Hof, aen wiens jurisdictie sy
+haer niet garen getrocken sagen, daer niet tegenwoordigh waren geweest._
+Dan het en schort die lieden daer niet. Want sy weten wel dat die
+Commissarissen in die saeck noyt jurisdictie en hebben geexerceert, maer
+ook daer en boven publikelick hebben verklaert, daer in gene jurisdictie
+civilik of criminelick te sullen exerceren. Gelijck oock het soo klaer
+als den dagh blyckt, dat sy 't tot noch toe niet en hebben {Pag.22}
+gedaen, noch van meningh en sijn te doen. Maer het bericht, dat men
+geven wilde, dat woude men doen in crepusculo, als de Vleer-muysen en de
+Nacht-uylen beginnen te vliegen, & remotis arbitis. Nu, waerom sy dat
+soo wilden, weten sy selve wel, en die van sinnen niet berooft en is,
+kan het wel lichtelick denken. Om dat men dan gedwongen werd het Auter
+te ontdecken, ende te toonen wat properheden daer onder schuylen, soo
+moet ick seggen, dat sijne Hoogheydt aen Burgemeesteren ende Regenten
+van Dordrecht geschreven hebbende, dat sy eenige uyt den Gerechte wilden
+senden, om op de aengebrachte klachten te werden gehoort, dat'er oock op
+den 28. December 1684. des mergens te negen uyren eenige uyt den selve
+Gerechte, met hare Secretarisen, voor hem sijn verschenen, hebbende hy
+mede by hem daer ontboden degene, die als Commissarisen te vooren te
+Dordrecht waren geweest. Ende na dat de selve Gedeputeerde waren gelast
+neder te sitten, soo hebben sy aen hem overgelevert, hare credentialen.
+Welcke gelesen sijnde, ende hy haer willende vragen, volgens sekere
+opgestelde Articulen, soo is by hen Gedeputeerde geseyt, dat sy van den
+Out-raedt of Vroedschap prohibitive last hadden, om te antwoorden in
+tegenwoordigheydt van Commissarisen van den Hove. Waer op in effecte by
+sijne Hoogheydt is geantwoordt, dat dese sake den Gerechte raekte, ende
+geensins den Out-raed, wiens authoriteyt sy hier te vergeefs
+pretexeerden. Dat daer en boven de geallegeerde last, van niet te
+antwoorden, directelick streed tegens hare Credentialen aen, even te
+vooren overgelevert: Ende indien sy eenige andre last hadden, als de
+Credentialen mede brachten, datse die wilden overgeven. Ende voor soo
+veel de Commissarisen aengingh, dat hy die geassumeert hadde om hem in
+die sake te assisteren, ende nergens anders om. Want, dat hy niet goed
+gevonden hadt haer alleen te hooren, alsoo hy haer kende voor sulcke
+luyden, die ontkennen dorsten, het gene hy wist waer te sijn. Waer by is
+gevoeght, door een van de Commissarisen, dat sy gene de alderminste last
+hadden, om eenige jurisdike actie daer te plegen, maer alleen daer
+gekomen te sijn, als by sijne Hoogheydt alrede was geseyt. Doch op gene
+van alle die redenen en heeft men yet weten seggen, noch oock eenige
+nadre last produceren. En evenwel is men by sijne negative blyven
+persisteren, sonder eene stip te avanceren. Soo dat sijne Hoogheyd
+versocht, dat sy eens in een vertrek wilden gaen, ende met den {Pag.23}
+andren consulteren, offe niet de geproponeerde difficulteyt konden over
+stappen, ofte ook nader komen. Maer wederom gekomen zijnde, hebben sy
+inde voorschreve negative blyven persisteren, seggende dat sy alles aen
+hare principalen souwen refereren, ende van het nader geresolveerde
+raport doen. Waer mede dan die sessie is geeyndigt. Maer verwacht
+werdende, dat sy na eene dag of twee, het beloofde raport souwen komen
+doen, ende niet verschijnende, heeft sijne Hoogheyd eene twede missive
+laten afgaen, met versoek, dat sy weder voor hem wilden verschijnen op
+den 2 van Januar. 1685. Gelijk sy dan ook gekomen zijn. Maer hier en
+heeft men nu niet de minste mentie gemaekt, 't geen sonderling is te
+noteren, dat men in tegenwoordightyd van Commissarisen (die doe daer soo
+wel verschenen waren, als te voren) niet en kost ofte wilde antwoorden,
+maer wel ter contrarie, dat men souw verklaringe doen. Dan hoe dede men
+dat? Even als een leger, dat sigh voor sijnen vyand te swak bevindende,
+in het aftreken of retireren, noch wel eens vier geeft, niet soekende
+hoe het vechten souw mogen, maer hoe dattet het vechten mach ontkomen,
+alsoo mede was haer antwoorden. Want die en bestonden niet anders als in
+subterfugien ende cavillatien, die de saek niet en raekten: Als, datmen
+distingueerde, tusschen de wettelickheyd ende de forme van de nominatie.
+Daer nochtans de forme niet anders en is, als de overeenkomste van de
+saek met de wet: ende de wet, niet anders als het rechtsnoer van de
+forme. Sulx dat wettigh te zijn, niet anders en is als te hebben de
+form, die de wet prescribeert. Wederom, datmen antwoorden wilde wel
+generalleck, soo sy seyden, maer niet in specie. Het welk sy soo
+uytleyden, datse souwen verklaren, datter op de nominatie niet en waren
+gebracht vreemdelingen, minderjarige, te na den andere in maegschap
+bestaende, (waer over noyt klachten en waren gevallen) sonder haer
+verder te willen uyten, of op articulen te willen antwoorden. Maer is by
+een van hunne Secretarisen, die mede inde commissie waren versocht, dat
+sijne Hoogheyd hen copie van de articulen wilde geven. Het welke hy
+toestond, indien sy wilden antwoorden. Maer alsoo sy in die conditie
+gene behagen en hadden, soo en hebben sy ook die articulen niet bekomen.
+Ende daer mede is ook die tweede sessie geeyndicht. Waer uyt dan
+klaerlik blijkt, voor eerst, dat sijne Hoogheyd seer onheusselik werd
+getraduceert, als of hy geen bericht van die van Dordrecht had {Pag.24}
+willen ontfangen. Ten anderen, dat het Hof hier seer sinisterlik werd
+ingetrocken, even of het selve, door presentie van eenige uyt den haren,
+als die van Dordrecht wierden gehoort, sijne jurisdictie wouw vast
+maken, ende extenderen over dien van Dordrecht. Ten derden, dat die van
+den Gerechte van Dordrecht door dese weygeringe ende onwilligheyd sijn
+geworden veri contumaces en wederhorig, soo dat alle de articulen, op
+welcke sy niet en hebben willen antwoorden, te recht by sijne Hoogheyd
+voor soo veel gehouwen sijn als bekent. Ten sulcken effecte, dat hy,
+gesien hebbende de verificatien vande selve articulen, wel heeft
+vermogen de onwettige nominatie te rejecteren, ende weygeren eene
+electie uyt deselve te doen. Want hoewel het de plicht is van sijn
+Hoogheyd, om uyt een meerder getal de electie te doen, soo is hy evenwel
+het selve niet anders gehouwen te doen, als uyt eene legitime, aen wiens
+forme niet en manqueert, dewyl anders doende, de onwettigheyd vande
+nomanatie, ook influeren souw inde electie. Ende derhalven en souwer
+niet alleen rede gegeven werden te klagen over de nominatie, maer over
+nominatie ende electie beyde. Als hiervoren overgenoeg aengewesen is.
+Soo dat nu hier uyt seer klaer blijckt, wat voor fine lieden het moeten
+zijn, die derven klagen, dat men sijne Hoogheyt niet en heeft mogen
+berichten, ende esclaircissement geven. Indien nu alle dese voorschreve
+redenen ende passagien van rechten eens op den Parnas te voorschijn
+werden gebracht, ende men aen de eene zijde sal beginnen te overwegen,
+wat voor eene bres dese Grotiaensche brief daer deur heeft gekregen;
+ende aende andre zijde, watter al tot voordeel van sijne Hoogheyd werd
+by gebracht, soo en geloof ik niet, dat Barnevelt vande selve meninge
+sal blyven, om namentelik af te wachten de komste vanden Primier, ende
+hem gehoort gebbende, nader te delibereren op het intrecken, ofte
+antiqueren van het jus civile, ofte corpus juris. Want ik geloof dat hy
+met al de bende, overluyd roepen sal, wech met dit gespuys dat ons al
+dese brabbelinge maeckt. Ja ik en kan niet anders dencken, of men sal
+den vromen Oldenbarnevelt komen last te geven; _Videat ne respublica
+Parnassicolarum quid detrimenti capiat_: ende dat men hem expresse mede
+ordineren sal, dat hy de Justitie representerende maecht de schael met
+het swaerd, 't sy deur finesse, 't sy anders, uyt de handen wringe,
+voort eene schop van achteren geve, ende soo late loopen. Want {Pag.25}
+heeft men in voorgaende tyden den stok wel derven trecken, ende en souw
+men het nu niet doen, soo waer wel de Pernas vol gecken. Neen, men moet
+mede toonen, datmen is, ende sich soo niet laten over de neus hacken.
+Doch op dat de plaets van de verschovene sloot weder mocht werden
+vervult, wat waer 'er beter, als daer toe te consacreren en te wyen;
+Mevrouwe _Eygesucht_? Ende, om daer soo niet alleen te pronck te laten
+staen, als die uytgeworpene slobbe tot noch toe heeft gedaen, wat waer
+'er gevoeglicker, als datter, na dese tyde wijse, tot camerier,
+_Archlistigheyd_ wierde toegevoeght, versen met eene mensch, vol van
+alle soorten van onwaerheden, gestoffeerde ende ongestoffeerde, ende tot
+Staet juffers de verwloose _onbeschaemtheyd_, met hare suster
+_Snatersnel_? Doch voor al diende wel besorght, dat dese geheyligde Dame
+wierde ter hand gestelt eene stempel, waer mede wierde getekent, alle
+woorden, reden, en loyen, die op den Parnas gangbaer sullen zijn, ende
+de selve, van wat alloy of forme die oock mochten wesen, te legitineren.
+op de nieuw uytgevondene manier: verklarende alle het verdere voor
+billoen. Ende soo jemand hier souw willen inbrengen andre munt, al
+droegse het Keisers beelt, dat men hem nieten admittere, maer weer
+omsende. Ende wil hy daer tegen inbinden, dat _Snatersnel_, geassisteert
+met hare suster, niet op en houwe hem alsoo te bejegenen, dat men sijne
+rede soo weynigh sal komen in achtinge nemen, als men kan doen het
+gesangh vande nachtegael, onder het geschreeuw van de esels. So dat het
+voortaen best sal zijn, dat alle die niet van dese hoogvliegende
+Parnas-vogels en zijn, de vinger op de mond leggen. Nam, quis brachia
+contra torrentem?
+
+ * * * * *
+
+
+TOE-GIFT.
+
+Dewyl het den Missive Schrijver belieft heeft ons te verhalen, wat'er op
+den Parnas is geschiet, soo souwen wy insgelyx hem konnen verhalen,
+wat'er in het Rijck van de Maen, dewelcke, na het gevoelen van
+Xenophanes, mede bewoond werd, is voorgevallen. Ook sommige van onse
+luyden sijn daer al droomende na toe gegaen, gaen, ende al {Pag.26}
+droomende weerom gekomen sijnde, hebben dingen verhaeldt, die noyt en
+sijn geschiet, noch geschieden en sullen. Ende soo souwen wy hem met
+gelijcke munt konnen betalen, ten ware dat'et beter was eene ware
+Historie te vertellen, als verdichtselen, die min te achten, sijn, als
+de fabulen van AEsopus, of van den Arabischen Lokman. Ick sal dan seggen,
+dat het inder daed is gebeurt, datter inde maend van October des
+voorleden Jaers 1684. Weynigh dagen voor de onwettig verklaerde
+nominatie van de Mannen van Achten, ten huyse van den Burgemeester
+Francken, in de Voorzael is verschenen een goed ende aensienlick getal
+van Dekenen der respective Gildens. Dat aldaer 't selve rijckelick met
+Wijn is beschoncken, van 's achtermiddaghs te vier uyren tot des avonds
+te seven uyren, en later. Soo dat'er by eenige de Schroef al los
+raeckte, en de men het koelvat mede voor eene water-pot gebruyckte. Dit
+geselschap hier soo sijnde, is aengesproocken by den voorschreven Heer
+Burgemeester Francken, dewelcke verklaerde, dat sy daer ontboden waren,
+om haer te recommanderen de ouwe Achten, ten eynde sy inde aenstaende
+nominatie niet verby gegaen wierden. En aengaende de verdere,
+bemerckende dat over de selvige eenige beroeringe onder de Dekens ware,
+versocht hy, dat sy boven de ouwe Achten, soodanige wilde nomineren, die
+na de sin en speculatie van de Regeringe mochten sijn. Want anders
+doende, dat het van een schadelick gevolgh souw sijn. Waer na de
+Burgemeester Muys sijne welspreeckentheydt heeft getoont, ende heeft die
+vrienden aengesproocken met de volgende
+
+
+ {Pag.27}
+
+
+HARANGUE.
+
+
+_Mannen Deeckens_,
+
+Alle 't geene de Heer Burgemeester Francken uw daer geleght heeft, is
+waer en waerachtigh, en daerom kan ick my niet onthouden van uw voor al
+voor oogen te leggen de les van Salomon, dewelcke dicteert: dat alle die
+sigh mengen met die gene, die na veranderinge staen, met deselve vergaen
+sullen, dese veranderinge nu die hier by sommige quaedtaerdige, en
+ambitieuse menschen beooght, en geentameert wort, sal seeckerlijck naer
+sigh slepcn een volkomen ruine van de Stadt, en desselfs Finantien. Wy
+hebben veel moeyten gehadt om de vervallen Finantien van de Stadt te
+redresseren, wy hebben een Fons uytgevonden, te vooren onbekent, waer
+door de vervallene saecken weder sijn herstelt, wy hebben de Kaeyen
+gemaeckt; de Havens gediept, de Bruggens verstelt, en alles tot de
+Negotie in dier voegen geapproprieert, dat daer door de welvaert
+soodanigh is aengegroeyt, alsje alle tegenwoordigh siet, ende gewaer
+wordt, en selfs heb ick tot dese saecken uyt mijn eygen beurs aen de
+Stadt geschoten de somme van 12000 ponden, die ick jegens 3-1/2. per Cent
+laet loopen, met dien Interest te vreden sijnde, om de Stadt, die ick
+lief hebbe te soulageren. Maer Mannen Deeckens, die andere menschen die
+dese veranderinge in 't hooft hebben, en achten geen Stadt, noch geen
+Finantien, ja recht uytgeseyt, sy hebben den Duyvel en den Sacrement van
+de Stadt, en 't sijn Fielten en Schelmen die desselfs goede en
+loffelijcke Regeringe trachten te veranderen, en als 't dese Vagabonden
+daer al toegebracht sullen hebben, wat sal 't dan sijn? de Finantien
+sullen vervallen, de Stadt en desselfs Havens onbruyckbaer worden; de
+Arbeyts-luyden naeckt en leegh loopen. Ick bid u Mannen {Pag.28}
+Deeckens, en smeeck uw met gevouwen handen, datje doch na geen
+veranderingh en luystert, noch na geen menschen die 't daer mede houden;
+En siet doch wat menschen men hier al recommandeert aen u Nominatie, een
+deel Vagabonden, een deel Kalissen, hier recommandeert men'er twee, hier
+eenen Sonnemans en daer eenen anderen, daer magh'er hier en daer een
+onder sijn van middelen, maer de meeste sijn kalissen en geen luyden
+dieje dienen; Mannen Deeckens, noch behelpen sich dese menschen met dit
+voorgeven, dat ick de Prins van Oranjen soude bedrogen hebben, het welck
+valsch en Schelmachtigh gelogen is, ick stae wel by de Prins van
+Orangien, en omtrent de Treves, is by Ons niet gedaen als met kennis van
+sijne Hoogheyt; Ick bidje Mannen Deeckens luystert na sulcke leugens
+niet, en ick smeeck uw nochmael, dat gy na geen veranderingh en staet,
+maer het by u Regenten blyft houden; Soo sal de Stadt floreren, en God
+Almagtig salje Personen, en je Familien zegenen, &c.
+
+Nu eens gedroncken, wel Cameraet, uw heb ick wel gekent over 20. Jaer,
+enje Ouwers oock wel, ick brenght uw eens, sa Knecht, brenght een Glas
+van Respect, Vrienden dat moet rondt gaen, a vous de gesontheyt van ...
+
+Die hebben wy de Parnas-broeders, voor een toe-gifte, wel willen
+communiceren, alsoo het noch niet en schijnt in de archiven van hare
+Republijck ingekomen te sijn. Het welcke nochtans wel noodsaeckelick
+dient geweten te sijn, op dat men soo de Historie van dit Dordtsche
+werck met'er tydt compleet mach krijgen. Waer toe ick hoop dat andere
+vrienden, die yetwes hebben, ter materie dienende, mede de hand sullen
+leenen. Interum, lector, vive, vale, & his candidus utere merum.
+
+FINIS.
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+
+End of Project Gutenberg's Aenmerkinge op de Missive van Parnas, by Anonymous
+
+*** END OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK AENMERKINGE OP DE MISSIVE ***
+
+***** This file should be named 11884.txt or 11884.zip *****
+This and all associated files of various formats will be found in:
+ https://www.gutenberg.org/1/1/8/8/11884/
+
+Produced by Miranda van de Heijning, Frank van Drogen and PG
+Distributed Proofreaders
+
+
+Updated editions will replace the previous one--the old editions
+will be renamed.
+
+Creating the works from public domain print editions means that no
+one owns a United States copyright in these works, so the Foundation
+(and you!) can copy and distribute it in the United States without
+permission and without paying copyright royalties. Special rules,
+set forth in the General Terms of Use part of this license, apply to
+copying and distributing Project Gutenberg-tm electronic works to
+protect the PROJECT GUTENBERG-tm concept and trademark. Project
+Gutenberg is a registered trademark, and may not be used if you
+charge for the eBooks, unless you receive specific permission. If you
+do not charge anything for copies of this eBook, complying with the
+rules is very easy. You may use this eBook for nearly any purpose
+such as creation of derivative works, reports, performances and
+research. They may be modified and printed and given away--you may do
+practically ANYTHING with public domain eBooks. Redistribution is
+subject to the trademark license, especially commercial
+redistribution.
+
+
+
+*** START: FULL LICENSE ***
+
+THE FULL PROJECT GUTENBERG LICENSE
+PLEASE READ THIS BEFORE YOU DISTRIBUTE OR USE THIS WORK
+
+To protect the Project Gutenberg-tm mission of promoting the free
+distribution of electronic works, by using or distributing this work
+(or any other work associated in any way with the phrase "Project
+Gutenberg"), you agree to comply with all the terms of the Full Project
+Gutenberg-tm License (available with this file or online at
+https://gutenberg.org/license).
+
+
+Section 1. General Terms of Use and Redistributing Project Gutenberg-tm
+electronic works
+
+1.A. By reading or using any part of this Project Gutenberg-tm
+electronic work, you indicate that you have read, understand, agree to
+and accept all the terms of this license and intellectual property
+(trademark/copyright) agreement. If you do not agree to abide by all
+the terms of this agreement, you must cease using and return or destroy
+all copies of Project Gutenberg-tm electronic works in your possession.
+If you paid a fee for obtaining a copy of or access to a Project
+Gutenberg-tm electronic work and you do not agree to be bound by the
+terms of this agreement, you may obtain a refund from the person or
+entity to whom you paid the fee as set forth in paragraph 1.E.8.
+
+1.B. "Project Gutenberg" is a registered trademark. It may only be
+used on or associated in any way with an electronic work by people who
+agree to be bound by the terms of this agreement. There are a few
+things that you can do with most Project Gutenberg-tm electronic works
+even without complying with the full terms of this agreement. See
+paragraph 1.C below. There are a lot of things you can do with Project
+Gutenberg-tm electronic works if you follow the terms of this agreement
+and help preserve free future access to Project Gutenberg-tm electronic
+works. See paragraph 1.E below.
+
+1.C. The Project Gutenberg Literary Archive Foundation ("the Foundation"
+or PGLAF), owns a compilation copyright in the collection of Project
+Gutenberg-tm electronic works. Nearly all the individual works in the
+collection are in the public domain in the United States. If an
+individual work is in the public domain in the United States and you are
+located in the United States, we do not claim a right to prevent you from
+copying, distributing, performing, displaying or creating derivative
+works based on the work as long as all references to Project Gutenberg
+are removed. Of course, we hope that you will support the Project
+Gutenberg-tm mission of promoting free access to electronic works by
+freely sharing Project Gutenberg-tm works in compliance with the terms of
+this agreement for keeping the Project Gutenberg-tm name associated with
+the work. You can easily comply with the terms of this agreement by
+keeping this work in the same format with its attached full Project
+Gutenberg-tm License when you share it without charge with others.
+
+1.D. The copyright laws of the place where you are located also govern
+what you can do with this work. Copyright laws in most countries are in
+a constant state of change. If you are outside the United States, check
+the laws of your country in addition to the terms of this agreement
+before downloading, copying, displaying, performing, distributing or
+creating derivative works based on this work or any other Project
+Gutenberg-tm work. The Foundation makes no representations concerning
+the copyright status of any work in any country outside the United
+States.
+
+1.E. Unless you have removed all references to Project Gutenberg:
+
+1.E.1. The following sentence, with active links to, or other immediate
+access to, the full Project Gutenberg-tm License must appear prominently
+whenever any copy of a Project Gutenberg-tm work (any work on which the
+phrase "Project Gutenberg" appears, or with which the phrase "Project
+Gutenberg" is associated) is accessed, displayed, performed, viewed,
+copied or distributed:
+
+This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
+almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
+re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
+with this eBook or online at www.gutenberg.org
+
+1.E.2. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is derived
+from the public domain (does not contain a notice indicating that it is
+posted with permission of the copyright holder), the work can be copied
+and distributed to anyone in the United States without paying any fees
+or charges. If you are redistributing or providing access to a work
+with the phrase "Project Gutenberg" associated with or appearing on the
+work, you must comply either with the requirements of paragraphs 1.E.1
+through 1.E.7 or obtain permission for the use of the work and the
+Project Gutenberg-tm trademark as set forth in paragraphs 1.E.8 or
+1.E.9.
+
+1.E.3. If an individual Project Gutenberg-tm electronic work is posted
+with the permission of the copyright holder, your use and distribution
+must comply with both paragraphs 1.E.1 through 1.E.7 and any additional
+terms imposed by the copyright holder. Additional terms will be linked
+to the Project Gutenberg-tm License for all works posted with the
+permission of the copyright holder found at the beginning of this work.
+
+1.E.4. Do not unlink or detach or remove the full Project Gutenberg-tm
+License terms from this work, or any files containing a part of this
+work or any other work associated with Project Gutenberg-tm.
+
+1.E.5. Do not copy, display, perform, distribute or redistribute this
+electronic work, or any part of this electronic work, without
+prominently displaying the sentence set forth in paragraph 1.E.1 with
+active links or immediate access to the full terms of the Project
+Gutenberg-tm License.
+
+1.E.6. You may convert to and distribute this work in any binary,
+compressed, marked up, nonproprietary or proprietary form, including any
+word processing or hypertext form. However, if you provide access to or
+distribute copies of a Project Gutenberg-tm work in a format other than
+"Plain Vanilla ASCII" or other format used in the official version
+posted on the official Project Gutenberg-tm web site (www.gutenberg.org),
+you must, at no additional cost, fee or expense to the user, provide a
+copy, a means of exporting a copy, or a means of obtaining a copy upon
+request, of the work in its original "Plain Vanilla ASCII" or other
+form. Any alternate format must include the full Project Gutenberg-tm
+License as specified in paragraph 1.E.1.
+
+1.E.7. Do not charge a fee for access to, viewing, displaying,
+performing, copying or distributing any Project Gutenberg-tm works
+unless you comply with paragraph 1.E.8 or 1.E.9.
+
+1.E.8. You may charge a reasonable fee for copies of or providing
+access to or distributing Project Gutenberg-tm electronic works provided
+that
+
+- You pay a royalty fee of 20% of the gross profits you derive from
+ the use of Project Gutenberg-tm works calculated using the method
+ you already use to calculate your applicable taxes. The fee is
+ owed to the owner of the Project Gutenberg-tm trademark, but he
+ has agreed to donate royalties under this paragraph to the
+ Project Gutenberg Literary Archive Foundation. Royalty payments
+ must be paid within 60 days following each date on which you
+ prepare (or are legally required to prepare) your periodic tax
+ returns. Royalty payments should be clearly marked as such and
+ sent to the Project Gutenberg Literary Archive Foundation at the
+ address specified in Section 4, "Information about donations to
+ the Project Gutenberg Literary Archive Foundation."
+
+- You provide a full refund of any money paid by a user who notifies
+ you in writing (or by e-mail) within 30 days of receipt that s/he
+ does not agree to the terms of the full Project Gutenberg-tm
+ License. You must require such a user to return or
+ destroy all copies of the works possessed in a physical medium
+ and discontinue all use of and all access to other copies of
+ Project Gutenberg-tm works.
+
+- You provide, in accordance with paragraph 1.F.3, a full refund of any
+ money paid for a work or a replacement copy, if a defect in the
+ electronic work is discovered and reported to you within 90 days
+ of receipt of the work.
+
+- You comply with all other terms of this agreement for free
+ distribution of Project Gutenberg-tm works.
+
+1.E.9. If you wish to charge a fee or distribute a Project Gutenberg-tm
+electronic work or group of works on different terms than are set
+forth in this agreement, you must obtain permission in writing from
+both the Project Gutenberg Literary Archive Foundation and Michael
+Hart, the owner of the Project Gutenberg-tm trademark. Contact the
+Foundation as set forth in Section 3 below.
+
+1.F.
+
+1.F.1. Project Gutenberg volunteers and employees expend considerable
+effort to identify, do copyright research on, transcribe and proofread
+public domain works in creating the Project Gutenberg-tm
+collection. Despite these efforts, Project Gutenberg-tm electronic
+works, and the medium on which they may be stored, may contain
+"Defects," such as, but not limited to, incomplete, inaccurate or
+corrupt data, transcription errors, a copyright or other intellectual
+property infringement, a defective or damaged disk or other medium, a
+computer virus, or computer codes that damage or cannot be read by
+your equipment.
+
+1.F.2. LIMITED WARRANTY, DISCLAIMER OF DAMAGES - Except for the "Right
+of Replacement or Refund" described in paragraph 1.F.3, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation, the owner of the Project
+Gutenberg-tm trademark, and any other party distributing a Project
+Gutenberg-tm electronic work under this agreement, disclaim all
+liability to you for damages, costs and expenses, including legal
+fees. YOU AGREE THAT YOU HAVE NO REMEDIES FOR NEGLIGENCE, STRICT
+LIABILITY, BREACH OF WARRANTY OR BREACH OF CONTRACT EXCEPT THOSE
+PROVIDED IN PARAGRAPH F3. YOU AGREE THAT THE FOUNDATION, THE
+TRADEMARK OWNER, AND ANY DISTRIBUTOR UNDER THIS AGREEMENT WILL NOT BE
+LIABLE TO YOU FOR ACTUAL, DIRECT, INDIRECT, CONSEQUENTIAL, PUNITIVE OR
+INCIDENTAL DAMAGES EVEN IF YOU GIVE NOTICE OF THE POSSIBILITY OF SUCH
+DAMAGE.
+
+1.F.3. LIMITED RIGHT OF REPLACEMENT OR REFUND - If you discover a
+defect in this electronic work within 90 days of receiving it, you can
+receive a refund of the money (if any) you paid for it by sending a
+written explanation to the person you received the work from. If you
+received the work on a physical medium, you must return the medium with
+your written explanation. The person or entity that provided you with
+the defective work may elect to provide a replacement copy in lieu of a
+refund. If you received the work electronically, the person or entity
+providing it to you may choose to give you a second opportunity to
+receive the work electronically in lieu of a refund. If the second copy
+is also defective, you may demand a refund in writing without further
+opportunities to fix the problem.
+
+1.F.4. Except for the limited right of replacement or refund set forth
+in paragraph 1.F.3, this work is provided to you 'AS-IS', WITH NO OTHER
+WARRANTIES OF ANY KIND, EXPRESS OR IMPLIED, INCLUDING BUT NOT LIMITED TO
+WARRANTIES OF MERCHANTIBILITY OR FITNESS FOR ANY PURPOSE.
+
+1.F.5. Some states do not allow disclaimers of certain implied
+warranties or the exclusion or limitation of certain types of damages.
+If any disclaimer or limitation set forth in this agreement violates the
+law of the state applicable to this agreement, the agreement shall be
+interpreted to make the maximum disclaimer or limitation permitted by
+the applicable state law. The invalidity or unenforceability of any
+provision of this agreement shall not void the remaining provisions.
+
+1.F.6. INDEMNITY - You agree to indemnify and hold the Foundation, the
+trademark owner, any agent or employee of the Foundation, anyone
+providing copies of Project Gutenberg-tm electronic works in accordance
+with this agreement, and any volunteers associated with the production,
+promotion and distribution of Project Gutenberg-tm electronic works,
+harmless from all liability, costs and expenses, including legal fees,
+that arise directly or indirectly from any of the following which you do
+or cause to occur: (a) distribution of this or any Project Gutenberg-tm
+work, (b) alteration, modification, or additions or deletions to any
+Project Gutenberg-tm work, and (c) any Defect you cause.
+
+
+Section 2. Information about the Mission of Project Gutenberg-tm
+
+Project Gutenberg-tm is synonymous with the free distribution of
+electronic works in formats readable by the widest variety of computers
+including obsolete, old, middle-aged and new computers. It exists
+because of the efforts of hundreds of volunteers and donations from
+people in all walks of life.
+
+Volunteers and financial support to provide volunteers with the
+assistance they need, is critical to reaching Project Gutenberg-tm's
+goals and ensuring that the Project Gutenberg-tm collection will
+remain freely available for generations to come. In 2001, the Project
+Gutenberg Literary Archive Foundation was created to provide a secure
+and permanent future for Project Gutenberg-tm and future generations.
+To learn more about the Project Gutenberg Literary Archive Foundation
+and how your efforts and donations can help, see Sections 3 and 4
+and the Foundation web page at https://www.pglaf.org.
+
+
+Section 3. Information about the Project Gutenberg Literary Archive
+Foundation
+
+The Project Gutenberg Literary Archive Foundation is a non profit
+501(c)(3) educational corporation organized under the laws of the
+state of Mississippi and granted tax exempt status by the Internal
+Revenue Service. The Foundation's EIN or federal tax identification
+number is 64-6221541. Its 501(c)(3) letter is posted at
+https://pglaf.org/fundraising. Contributions to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation are tax deductible to the full extent
+permitted by U.S. federal laws and your state's laws.
+
+The Foundation's principal office is located at 4557 Melan Dr. S.
+Fairbanks, AK, 99712., but its volunteers and employees are scattered
+throughout numerous locations. Its business office is located at
+809 North 1500 West, Salt Lake City, UT 84116, (801) 596-1887, email
+business@pglaf.org. Email contact links and up to date contact
+information can be found at the Foundation's web site and official
+page at https://pglaf.org
+
+For additional contact information:
+ Dr. Gregory B. Newby
+ Chief Executive and Director
+ gbnewby@pglaf.org
+
+Section 4. Information about Donations to the Project Gutenberg
+Literary Archive Foundation
+
+Project Gutenberg-tm depends upon and cannot survive without wide
+spread public support and donations to carry out its mission of
+increasing the number of public domain and licensed works that can be
+freely distributed in machine readable form accessible by the widest
+array of equipment including outdated equipment. Many small donations
+($1 to $5,000) are particularly important to maintaining tax exempt
+status with the IRS.
+
+The Foundation is committed to complying with the laws regulating
+charities and charitable donations in all 50 states of the United
+States. Compliance requirements are not uniform and it takes a
+considerable effort, much paperwork and many fees to meet and keep up
+with these requirements. We do not solicit donations in locations
+where we have not received written confirmation of compliance. To
+SEND DONATIONS or determine the status of compliance for any
+particular state visit https://pglaf.org
+
+While we cannot and do not solicit contributions from states where we
+have not met the solicitation requirements, we know of no prohibition
+against accepting unsolicited donations from donors in such states who
+approach us with offers to donate.
+
+International donations are gratefully accepted, but we cannot make
+any statements concerning tax treatment of donations received from
+outside the United States. U.S. laws alone swamp our small staff.
+
+Please check the Project Gutenberg Web pages for current donation
+methods and addresses. Donations are accepted in a number of other
+ways including including checks, online payments and credit card
+donations. To donate, please visit: https://pglaf.org/donate
+
+
+Section 5. General Information About Project Gutenberg-tm electronic
+works.
+
+Professor Michael S. Hart was the originator of the Project Gutenberg-tm
+concept of a library of electronic works that could be freely shared
+with anyone. For thirty years, he produced and distributed Project
+Gutenberg-tm eBooks with only a loose network of volunteer support.
+
+Project Gutenberg-tm eBooks are often created from several printed
+editions, all of which are confirmed as Public Domain in the U.S.
+unless a copyright notice is included. Thus, we do not necessarily
+keep eBooks in compliance with any particular paper edition.
+
+Each eBook is in a subdirectory of the same number as the eBook's
+eBook number, often in several formats including plain vanilla ASCII,
+compressed (zipped), HTML and others.
+
+Corrected EDITIONS of our eBooks replace the old file and take over
+the old filename and etext number. The replaced older file is renamed.
+VERSIONS based on separate sources are treated as new eBooks receiving
+new filenames and etext numbers.
+
+Most people start at our Web site which has the main PG search facility:
+
+ https://www.gutenberg.org
+
+This Web site includes information about Project Gutenberg-tm,
+including how to make donations to the Project Gutenberg Literary
+Archive Foundation, how to help produce our new eBooks, and how to
+subscribe to our email newsletter to hear about new eBooks.
+
+EBooks posted prior to November 2003, with eBook numbers BELOW #10000,
+are filed in directories based on their release date. If you want to
+download any of these eBooks directly, rather than using the regular
+search system you may utilize the following addresses and just
+download by the etext year. For example:
+
+ https://www.gutenberg.org/etext06
+
+ (Or /etext 05, 04, 03, 02, 01, 00, 99,
+ 98, 97, 96, 95, 94, 93, 92, 92, 91 or 90)
+
+EBooks posted since November 2003, with etext numbers OVER #10000, are
+filed in a different way. The year of a release date is no longer part
+of the directory path. The path is based on the etext number (which is
+identical to the filename). The path to the file is made up of single
+digits corresponding to all but the last digit in the filename. For
+example an eBook of filename 10234 would be found at:
+
+ https://www.gutenberg.org/1/0/2/3/10234
+
+or filename 24689 would be found at:
+ https://www.gutenberg.org/2/4/6/8/24689
+
+An alternative method of locating eBooks:
+ https://www.gutenberg.org/GUTINDEX.ALL
+
+
diff --git a/old/11884.zip b/old/11884.zip
new file mode 100644
index 0000000..72d4163
--- /dev/null
+++ b/old/11884.zip
Binary files differ